VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 10026

Ceylon · 529 pages · 151 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_10026_0497 view scan ↗

English

respect to be. Underneath was written: Right Honorable Commanding Sir, Your Right Honorable obedient Servant. Was signed: L: Atems. In the margin: Gale, the 26th of December 1790. Requisition of necessities for the Honorable Company ship Berkhout: The repair of some window panes. A good figure-eight truss of 5 inches for the tiller rope. Six ditto rigging trusses, 2 of 28-thread, 2 of 24-thread, 2 of 16-thread. Eight two-sheave blocks of 7 to 8 inches. Four pairs of small one- and two-sheave blocks of 4 inches. Four single-sheave half-blocks. One barrel of tar. Three boxes for the pumps. Three poles ditto. One grindstone and trough. Aboard the aforementioned ship, the 20th of December 1790. Was signed: G: M: Weitzel. Whereupon it was approved to have the requested necessities for the ship Berkhout supplied, since the necessity thereof, so far as concerns the equipment goods, has been confirmed by the Honorable Equipagemeester Aenn, together with the grindstone and the trough belonging thereto, item also to have the glass panes or windows fitted with new ones instead of the broken panes. There was also reviewed a sworn maritime declaration, made by the senior and junior officers of the ship Berkhout on date 30th of September of the past year, which reads as follows: We, the undersigned senior and junior officers stationed on the Honorable East India Company ship Berkhout, declare at the requisition of the Honorable Ship's Captain of this vessel, G: M: Weitzel, that on the twenty-eighth of September 1790, at the outer roadstead of Colombo, after having weighed our best bower anchor, our mooring cable broke about ten fathoms outside the hawsehole, whereby we lost our anchor with half the cable and the buoy and buoy rope, and as we could not risk the Company's vessel on the remaining half of the mooring cable, we therefore condemned it. And upon examination of the bower cable, fifty-six fathoms were found to be so damaged on the bottom that one could not trust the Company's vessel to it; therefore, we cut off the said fifty-six fathoms and used it for ship's necessities. All the aforementioned we acknowledge to be the sincere truth, and if required, we are prepared out of love of the truth to confirm with a solemn oath. Was signed: J: van Maaren, G: H: Boschen, C: Laad, H: van Dijk, Jan Waaken. In the margin: on the aforementioned ship, the 30th of September 1790, in my presence. Was signed: H: Borgerd. Today, the 24th of December 1790, appeared before the Honorable undersigned committee members of the Honorable Court of Justice of this city, the persons named in the preceding maritime declaration, to whom the same being again clearly presented, they fully persisted therewith without desiring the least alteration, further confirming by oath, as being Protestants, under the raising of the two front fingers of their right hands and the pronunciation by each of them of these words: So truly help me God Almighty. Thus resolved, persisted, and sworn in the city of Gale at the ordinary Council Chamber of Justice on the day aforesaid, and in the presence of the Honorable members Pieter De Vos and Adriaan Hendrik Lourensz. Was signed: Jan Maaren, J: W: Boschen, C: Land, H: van Dijk, Jan Waaken. In the margin: in our presence. Was signed: P: D: Vos and A: H: Lourensz. In the middle: known to me. Signed: M: G: Gratiaan, First Sworn Clerk. And thereupon it was resolved to let the ship Berkhout be supplied with the requested heavy Dutch cable in place of the one lost with the anchor that was recently sent from Colombo, with authorization also to write off in the inventory of the said vessel the bower cable of 56 fathoms that was taken and consumed for ship's services. Agrees, Corns: Johansz Pei, Sea Clerk Examined, A Ry V: 70: 1 Lo No. 73. Extract Resolution taken in the Council of Policy at Gale, Tuesday the 7th of December in the year 1790. Also reviewed were a report from the chief pilot Peijster and the boatman Draaghinnen, a report from the master carpenter Vogelenzang, the foreman Van Bourgonje, and the shipwrights Lambias and Jansz, and a declaration made by the commander and the captain lieutenant of the ship the Leviathan, all reading in these words: To the Right Honorable Sir Peter Sluijsken, Commander of the City and Lands of Gale, Mature, etc., etc. Right Honorable Commanding Sir, In compliance with Your Right Honorable's honored command, issued by written order on the 20th of this month, we, the undersigned, Jan Vogelensang, master of the ship and house carpenters, Nicolaas van Borgonje, foreman of the said yard, Frans Lambias, and

Dutch transcription

agting te zijn /:onderstond /: wel Ed: agtb: gebieden de Heer, uwel Ed: agtb: gehoorsame Dienaar /:was ge„ tekend /: L: Atems: / ninmargine:/ Gale den 26: xber: 1798 Eijsch van benodigheeden voor 't Ed: Comp: schipp Berkhout 't Repareeren van eenige Ruijten een goede vijgertoos a: 5. d:m voor stuurreep ses d=o. bijgeatrossen 2: a: 28: drood 2: a: 24: draad„ 2: a: 16: draad acht twee schrijff de zijn blok ken van 7: a: 8. d:m Vierpaaren klijne een twee schijff blokjes 4. d=m Vier en schuijff hadf blokke een vat 'theer drie bossen voor de pompen drie stokken „ „ d=o een slijpsteen en back Aan boord van 't schip voorn: den 20: decem ber 1790: /:was getekend /: G: M: weitzel. waarop goedgevonden is de geeijschte benodigheeden voor 't schip Berkhout, tedwijl de noodzaake„ lijkheid daar van, zoo verre de Equipagiegoe„ deren betreft, door den E: Equipagiemeester Aenn is bevestigd, te laaten verstrekten, benevens de slijfsteen en de daar toe gehoorende Back ietem ook de Glase wijten of vergsters te laaten in steede van aan„ voorsien met nieuwe stukken geraakte Ruijten. ook is geresumeerd eene b'eedigde scheeps, ver„ klaaring, door de opper en onderoffeciere van 't schip Werkhout in dato 30: 7ber: J:r leeden belegd, die aldus luijd: wij ondergeteekende opper en onder„ offe cieren Bescheijden op 't E: O: J: Comp: schip Berkhout Verklaaren ter requisitie van den weleEd: Mant: Heer Capitain deeser bodem G: M: weitzel dat op den achtentwinsten September 1790: ter buijten rheede Colombo na ons daags Anker, te hebben geligt, ons tuijg touw is koomen te breeken Circa thien vaderis buijten de kluijs waar door wij ons anker met het halve touw en boeij en boeij weep verlooren, en aan 't overige halve tuij touw Comp: boodem niet aan konde Resiqueere, keur„ den 't dierhalven aff En bij examinatie voor't daags touw zes en vijftig vaderus zodaanig op de grond be„ schadigt te zijn, dat men Compenies boo„ den daar niet aan konde vertrouwe kapten, dierhalven de gemelde ses en vijf tig vadems aff en gebruijkte tot scheeps be noodigheeden, alle 't gemelde bekenne wij de ook opregte opregte waarheid te zijn, en gerequireerd word de, bereijd zijn ter liefde der waarheijd met solaurenele rede te bevestigen :/ was getekend/. j: van Moare, g: H: Boschen, C: Laad, H. van Dijk, Jan waaken :/inmargine /: in 't schip vermeld den 30: 7ber: 1790: in mijn presentie /. was getekend/: H: Borgerd: Heden den 24: xber: 1790: Compareerden voor dE: ondertenoemene gecommitteerde lase van den agtb: raad van gustitie deses steede, in persoonen genoemd bij de voorenstaande scheeps verklaaring, aan de welke de„ zelve weder duijdelijk voorgehouden zijnde bleeven zij daar bij ten volle persisteere zin„ den de minste verandering te begeeven bevestigende voorts met eede als zijnde protestanten /onder 't opsteeken der twee voorste Vingers hunner regterhands en 't uijtspreeken door een ieder van chun deesen woorden. zoo waarlijk welpe mij God almagting. Aldus geresolveerd, Gepersiteerd en beeedigd in de stad Gale ter ordinaire Raad wa„ men den justitie ten daage voorgz: en ter presentie van dE:s Leeden Pieter De vos, en Adriaan Hendrik Lourensz: / was gete„ kend /: Jan Maaren, J: W: Boschen, C. Land„ H: van Dijk, Jan waaken /:inmargine /: ons present /:was getekend /: P: D: Vos en A: W: Lourensz: / in 't midden in mijn ken„ nis /:getekend /: M: G: Gratiaan eerste geswore kleak. en is daar op verstaan 't gevraagd Hollandsch swaar touw insteede van 't verloorne net 't anker 't welk gongst van kolembo, ge„ sonden is, aan 't schip werkhout te laaten verstrekken, met qualifitatie teffens om 't daags- touw van 56: vadems. , dat tot scheeps - diensten genoomen en verbruijkt is, bij den inventaris van gem: bodem afte schrijven. Ackordeert Corns: Joliamsz Pei zeeklerk Haagezien A Ry V: 70: 1 Lo N:o: 73. Extrakt Resolutie Genoomen in Raade van Politie te Gale Dingsdag den 7. December A:o 1790 ook zijn gerasumeert een raport van den opper„ loots Peijster en den bortman Draaghinnen een Raport van de baas timmerman vo„ „gelenzang den meesterknegt van bourgonse en de scheeptimmerlieden Lambias en Jansz: en eene verklaaring door den Ge„ „zaghebber en den kapitijn Luitenant van 't schip de Leveathan belegd luiden „de alle in verbis Aan den wel Edelen Achtbaar Heer Peter Sluijsken kommandeur den stad Landen van Gale Mature Et x=a Wel Edele Achtbaare Gebiedende Heer In voldoening aan uwel Edele Achtbaare G: eerd bevel verval bij schriftelijk ordonnantie na„ den 20. Deezer hebben wij ondergeteekendens Jan Vogelensang Baes der scheeps en huijs timmerlieden Nicolaas van borgonje Mees„ terknegt der Gem: werf Frans Lambias en

NL-HaNA_1.04.02_10026_0501 view scan ↗

English

and Barend Lange Jansz., shipwright, betook ourselves on board the return ship the Leviathan lying anchored here in the bay, and there, in the presence of Captain at Sea and Master of the Equippage Lucas Atems and the captain of the said vessel, the Honorable van den Plas, exactly and accurately inspected whether that vessel will be able to undertake the voyage with peace of mind, and found the following repairs to be necessary, namely: A water bulkhead in the hold. A bulkhead between decks at the front of the main hatch. To wedge the step of the mainmast and to place a piece on either side. To repair the casing of the same. To repair the sheathing on the port side. To repair the linings of two between-deck ports. To provide the gratings of the hatches. Battens against the knees in the hold for the sappanwood. To caulk the ship inside and out. And further repairs that they might yet discover during the caulking, both in the hold and otherwise, should be rectified. Thus the undersigned are of the opinion that the said vessel will then be fully capable of undertaking the voyage to the fatherland with peace of mind. Herewith the undersigned hope to have fulfilled Your Right Honorable honored command, and call ourselves with all respect, Your Right Honorable commanding master, Your Right Honorable's obedient servants. Was signed: I. Vogelenzang, N. van Bergonje, F. Lambias, B. Lange Jansz. In the margin: Galle, the 29th of November 1790. Lower: In our presence. Signed: L. Atems, I. van der Plas. Today, the 3rd of December in the year 1790. Appeared before me, Johannes Hendrik Brechman, bookkeeper and sworn clerk at the Secretariat of Policy and Justice here, in the presence of the witnesses to be named hereinafter: The Honorable Johannes van der Plas, master, and Adrianus Lourens Kanter, captain-lieutenant, qualified in those capacities on the return ship the Leviathan, presently lying anchored here in the bay, who together and each in particular declared it to be true: That during the said inspection of the said vessel as well as of her rigging by the special commissioners here, the following defects and requirements were discovered therein that necessarily must be attended to, such as is mentioned below, namely: That the following should be made and completed, namely: A water bulkhead in the hold. A bulkhead between decks at the front of the main hatch. To wedge the step of the mainmast. To place a piece on either side. That the casing of the same be repaired. The sheathing on the port side. The linings of two between-deck ports. The gratings of the hatches. The battens against the knees in the hold for the sappanwood. That the said vessel, both inside and outside, must be caulked, and further defects that might be discovered in the hold and during caulking must be rectified. That furthermore the steward's, boatswain's, cooper's, blacksmith's, and cook's goods must be tinned, repaired, and instead of the unserviceable ones, new ones must be supplied. Herewith the deponents end their given declaration, which they testify to contain the pure and upright truth, giving as reason for knowledge as in the text, remaining moreover prepared to confirm the attested under oath. Thus declared in the city of Galle on the day and at the secretariat aforesaid, and in the presence of the clerks Johannes Winandus Martens and Johannes Hendrik van Booven as witnesses, who signed the minute hereof alongside the deponents and me, sworn clerk. Below: Which I witness. Was signed: J. H. Brechman, sworn clerk. Today, the 22nd of December in the year 1790. Appeared before the below-mentioned commissioned members of the Honorable Council of Justice of this city, the deponents named in the preceding declaration, to whom the same having been clearly read out again, they fully persisted therein without wishing any, even the slightest, alteration, furthermore confirming it by oath, being Protestants, with the raising of the two front fingers of their right hand and the pronouncing by each of them of these words: So truly help me God Almighty. Thus reviewed, persisted in, and sworn in the city of Galle in the ordinary council chamber of justice, on the day aforesaid, and in the presence of the Honorable members Pieter de Vos and Abraham van Coeverden. Was signed: J. van der Plas, A. L. Kanter. In the margin: in our presence. Was signed: P. De Vos and A. van Coeverden. In the middle: in my knowledge. Was signed: M. J. Gratiaan, first sworn clerk. Whereupon it was resolved to have all the defects that have been discovered and might yet be discovered on the ship the Leviathan taken in hand immediately and properly remedied, and also to have the steward's, boatswain's, cooper's, blacksmith's, and cook's goods repaired and tinned, and in place of the unserviceable ones, new ones to be supplied. Agrees: Cornelis Johannes Idé, sworn clerk.

Dutch transcription

en Barend Lange Jansz: Scheeps timmerl den ons vervoegd aan Boord van het alhier in de Baaij g'ankert Leggende Retour schu de Liviathan en aldaar ten overstaan vant kapitein ter zee en Equipagiemeester Lucas Atems en den kapitein van Ged:e Bodem DE: van den Plas Exakl en naukeering Gec steerd, off dien Boodem de Rijze met getusthen zal kunnen onderneemen en bevonden noodig te zijn de volgen de Reparaties als Een waterschot in het zuijn Een sctol tusschen deks aan de voorkant van 't groot Luyk het spoor van den Groote mast kegge en aan weeder „zijde Een stuk opsetten de kooper van dezel „ve Repareeren de dubbelhuijd aan bakboord repareeren de voerings van twee tusschen Diks Poorten te repareeren de roosters van de Luijker voorzien schalmen teegen de knien in 't ruim voor 't sappanhout voor 't schip binnen en buijten boort Calvaaten en verdere Reparaties die zij bij het Calva zo in het Ruim als ondersints nog mo „te ontdekken diend verholpen te worden zo zijn de ondergeteekendens van oordeel dan dat ged=te Boodem volkoomen in staat zal zijn om de Rijze met geru heid na vaderland te onderreem Hier meede Hoopen de ondergeteekende Heden Den 3: December A„o 1790. Kompareerden voor mij Iohannes Hendrik Brechman Boekhouder en Geswoore klerk ter sekrelarij van Politie Justitie alhier ten Bijweesen van der nate noemene Getuijgen DE: Iohannes van der Plas ge zughabber. Adrianus Lourens Karter kap. Luijtenant Schijse„ in die kwaliteiten bescheiden op het tans alhier in de Baaij geankert leggend retour schip De Leviathan dewelke te zaamen en een ieder in het bijzonder verklaarden waaragtig te weesen Dat bij Gedagte visitatie van gem: Bodem zo wel als van zijn tuijg door expresse gekom„ miteerden alhier de volgende gebreeken en be„ nodigdheeden daar aan ontdekt zijn die nood„ zakelijk dienen voorzien te worden zodanig als her onder vermeld stam als aan uwel Edele Achtbaare GeEerd beval„ voldaan te hebben en noemen ons met alle Eerbied /:onderstond:/ ouwel Edele Achtbaare Gebiedende Heer uwel Edele Achtbr Gehoorsaa„ me Dienaaren /: was geteekend:/ I: vogelenzang N: van Bergonje F: Lambias B: Lange Jansz: /:in margine:/ Gale den 29. November 1790. /: Lager:/ ten onsen overstaan /:geteekend:/ L: Atems I: van der Plas aan Dat Dat het volgende diend aangemaakt te worde als Een waterschol in het Ruijm Een schot tusschen deks aan de voorkant va t grond Luik het spoor van de Groote maste Kegge Een stuk aan weeder seijde opsetten Dat de koker van deselve reend: Jen de dubbelde huijt aan bakboorde„ De voeringt van twee tusschen Dekspoort ( werden de rooster van de luijk de schoenen, van teegen de knien in 't Ruim voor 't Sappanhout Dat Gemelde Boodem zo wel van binnen als van buiten diend gekalvaat ende verdere gebreeken die in het ruim en bij het kalvaten mogten ontbekken verholpen te worden Dat voorts de Botteliers Bootsmans kuijsers smitsen koks goederen dienen vertind: gerepa„ reerd en steede van de ombekwaame nieuwe verstrek te worden Eyndigende hier meede de attestanten hunn gegevene verklaaring die zij betuijgen, dezel „vere en opregte waarheid te behelsen gevende voor reeden van weetenschap als in den text over zulx bereid blijvende het geattesteerde Heeden Den 22. December A o 1790. Kompareerden voor uEE:o onderte noemene ge kommitteerde leeden van den agtb: raad van Justitie deser steede, de attestanten genoemd bij de voorinstaande verklaring, aan dewelken dezelve weder duydelijk voor gehouden zijnde bleven zij daar bij ten vollen perzisteeren zonder eenige de minste verandering te begeeven, be„ vestigende voorts die met Ede, als zijn„ de protestanten, onder het opsteeken der twee voorste vingeren hunnes regterhands en het uijtspreken door lee ioor hunner dezer woorden zoo waarlijk mij god Almagtig geperzisteerd Aldus Gerekolleerd beEdigt in de stad Gale nader met Eede gestand te doen Aldus verklaard in de stad Gale ten dage en sekretarij voormeld en terpre„ sentie van de klerken Johannes Wi„ nandus Martens en Johannes Hendrik van Booven als getuygen die de mu„ nite dezes nevens de attestanten en mij gesw. klerk hebben ondertekend /: onderst:/ T welk getuygt (was getekend/ Brechman Gesw: Klerk. nader. ordinaire ter J: H: ordinaire Raadkamer der justitie, ten dage voorsz: en ter presentie van 6E: reeden Pieter de Vos en Abraham van Coeverden /: was getekend /. J: van der plas M: L: Kamters /: in mar„ gine ons present /:was getekend/ P: De Vos en A: van Coeverden / in het medden :/ in mijn kinne /:was ge„ Waarop besloten is alle de gebreken, op aan het schip de Leviathan ontdekt zijn en nog ontdekt mogten worden, ten eersten te laaten onderhanden nemen en behoorlijk voorzien en ook de botteliers, bood man, kuijpers smits en Koks goederen te la ten repareeren en vertinnen en in steede klerk. tekend:/ M: J: Gratiaan Eerste gese van de onbekwaame, Nieuwe te laaten ver Ackordeert Corns: Johanns Idé strekken gezee klerk

NL-HaNA_1.04.02_10026_0504 view scan ↗

English

Checked Beukman To the Right Honorable Sir Peter Sluijkken Commander of the city and lands of Gale, Mature, etc. Right Honorable Ruling Sir Pursuant to your Right Honorable's honored order contained in a written ordinance of the 3rd of this month, we, the undersigned, as express commissioners, went on board the ship De Leviathan, lying at anchor here in the bay, and there, in the presence of the Captain at Sea and Equipagemaster here and the Captain-Lieutenant and master of the said vessel, the Honorable I: van der Plas, carefully inspected its mainmast to observe whether the same would be able to undertake the voyage to Europe with safety, as well as all other spars of that vessel; and after pieces were chopped out of the three-square of the mainmast in some places where the white ants were discovered, we were able to discover nothing but sound and good wood, and that it was not at all affected by the white ants, except only at the top a split in the wood, which is very easily repaired by inserting a three-square piece and then providing it sufficiently with bands; wherefore we are of the opinion that, after the same has been provided with this, it will be able to undertake the No. 74. voyage voyage to Europe with safety; but the bowsprit is entirely unserviceable, for which a new one must be made, as well as a new crossjack yard and two clasp bands on the main yard where the same is scarfed, likewise a new cap on the mainmast, which is entirely decayed. On the remaining spars we have thus far discovered nothing. We hope hereby to have complied with your Right Honorable's honored intention, and call ourselves with all respect, /below stood/ Right Honorable Ruling Sir, your Right Honorable's very obedient servants /was signed/ G: M: Weitsel, Simon Laurentius, J: Vogelenzang, Iaan Lambias, Willem van Bruggen, Willem Ietswaart /in the margin/ Gale, the 6th of November, Anno 1790. /lower stood/ In our presence, signed L. Aems and D: van der Plas, below stood conforms / was signed / I: H: Brichman, sworn clerk. Conforms, Corns Johanns: Selé, sworn clerk. No. 75. Checked P: J: Papp Thursday, the 30th of December 1790. Also read was a report from the Honorable Equipagemaster Aems, with the requisition of necessities for the ship Leviathan stated therein, both reading word for word: To the Right Honorable Sir Peter Sluijsken, Commander of the city of Gale and lands of Mature, etc. Right Honorable Ruling Sir, The undersigned Equipagemaster has the honor to present herewith to your Right Honorable a requisition of necessities for the ship De Leviathan for making the voyage to Europe, and as its Captain and Captain-Lieutenant attest to being in great need of the same, I am of the opinion that the Extract of a Resolution Taken in the Council of Policy at Gale requested requested items should be supplied, provided that everything remains to their accountability; hoping hereby to have complied with the honored intention, I have the honor to call myself with all high esteem, /below stood/ Right Honorable Ruling Sir, your Right Honorable's obedient servant, /was signed/ L: Aems, /in the margin/ Gale, the 30th of December 1790. Requisition for the ship Leviathan, concerning necessities for making the voyage from Ceylon to the Netherlands, as follows: 12 warp hawsers, assorted 1 warp steer-rope hawser 25 lb. sail yarn 10 lb. pump nails 15 lb. flat-heads 60 lb. soot 2 barrels of tar 6 pieces tar brushes 18 ordinary iron thimbles 20 heavy ditto 6 stopper thimbles 150 lb. nails of 6 and 7 inches 20 jugs of linseed oil 25 pieces white lead 1 hide pump leather /below stood/ On the ship Leviathan, the 27th of December 1790. /was signed/ J: v: d: Plas and A: L: Kanters. And thereupon it was agreed to have the requested necessities for the ship Leviathan supplied, insofar as the Honorable Equipagemaster Aems deemed them necessary with respect to the equipage goods; but to refuse the following articles, namely pump nails, flat-heads, paints, etc., and linseed oil; since the officers, according to the ship's inventory, pursuant to order and regulation, received at Batavia, specifically for the voyage to the fatherland, 25 pounds of pump nails, 25 pounds of flat-heads, 120 pounds of paints, and 60 jugs of linseed oil. Yet, if the officers should nevertheless insist upon it and allege that they need the same absolutely, then to require them to /below stood/ satisfactorily Checked satisfactorily demonstrate by a declaration what they have already consumed of the quantities received at Batavia. It was furthermore resolved to request the demanded sail yarn from Colombo, owing to its absence here. Conforms, Corn:s Johanns Idé, sworn clerk. Twelve whole leaguers. Six half. In place of those left behind at Batavia, of which a sworn declaration was passed at Colombo by the officers of the abovementioned vessel. On the aforesaid ship, the 6th of January 1791. /was signed/ J: van der Plas and A: L: Kanters. Whereupon it was approved to have the twelve whole and six half leaguers demanded therein, in place of those Requisition for the ship Leviathan The requisition for the ship Leviathan inserted herein was resumed by circular. Saturday, the 8th of January, Anno 1791. Extract of a Resolution taken in the Council of Policy at Gale. [illegible] left left behind there upon the departure of the ship Leviathan from Batavia, according to a sworn declaration submitted at Colombo concerning this, supplied to the officers of the said ship. Conforms, Corns: Johanns: Idé, sworn clerk.

Dutch transcription

Nagezien Beukman Aan Den wel Edelen Achtbaaren Heer Peter Sluijkken kommandeur der stad en Landen van gale Mature etca Wel Edele Achtbaare Gebieden de Heer Op uwel Edele Achtb g'eerde bevil vervat bij een schriftelijke ordonnantie van den 3=e deser hebben wij ondergetekendens als Expresse gecommitteerdens ons vervoegd aan boord van het alhier in de baaij g'ankerd leggend schip De Leviathan en aldaar ten overstaan van din kapitein ter zee en Equipagremerster alhier en den kapitein luitenant en gezeijhebber van gem bodem den E I: van der Plas Ejakt in nauwkeurig gevisiteerd dies grooten mast om te ontwaaren of dezelve daar mede de reijde met gerustheid na Europa zoude kunnen onder„ nemen zo mede alle verdere rond houten van dien bodem en na dat op eenige plaatsen daar de witte mieren ontdekt zijn stukken uit het driekant van de groote mast zijn gekapt hebben wij niets dan gaaf en goed tout kunnen ontobekken en in het geheel wiel aangedaan te zijn van de witte wieren als eenelijk aan de top een scheur in het hout het welk zeer ligt met een driekant intesetten, en dan sufficant met ban„ den voorsien te herstellen is, waar om wij van gevoelen zyn na dat het zelve van dit voordien zynde met gerostherd de No. 74. reyse reijze na Europa zal kunnen onderneemen doch de boegspan ten eenemaal onbequaam waar voor een nieuwe diend ge„ maakt teworden, als meede een nieuwe berwijdel nae en twee sluijt banden op de groote raa daar dezelve gelast is, zo mede een nieuwe Ezelshoofd op de groote mast t welk ten eenemaal vergaan is Aan de overige rondhouten hebben wij dus verre niet stemmen ontdekken: Wij hoope hier meede aan de G'eerde intentie van uwel bdleeckhete voldaan te hebben en noemen ons met alle eerbied /:onderstond/ wel Edele Achtbaare Gebiedende Heer / uwel Edele Achtb: zeer. gehoorsaame Dienaaren /:was getekend:/ G: M: weitsel Simon Laurentuus: „: J: vogel en zang, Iaan Lambias„ willem van Bruggen /: willem ietswaart /in margine/ gale den 6: 9ber: Ao 1790. /:lagerstond:/ ten onsen verstaan getekend/ L=s Aems en D: van der Plas onderstond accor„ deerd / was getekend / I: H: Brichman, gesi: klerk Achordeert Corns Johanns: Selé gezeeklerk N:o: 75: Nan gezien P: J: Papp Donderdag Den 30: Decemb:r 1790: Ook is geleesen een bericht van den E: Equipa„ gie meester Aems met den daar bij vermelden Eijsch van benoodigheeden voor het schip Seviathan, luijdende de beide in verbis„ Aan den wel Edelen Achtb: Heer Peter Sluijsken Kommandeur der stad en van Gade en Landen van Mature Etc:a Wel Edele Achtb: Gebieden de Heer Den ondergeteekende Equipagiemeester heeft de Eer uwelEdele Achttbaare hier nevens aante bieden een eijsch van benodigheiden voor 't schip De Leviathan tot het doen der Reise na europa, en wijl dies kapitain en kapitain Luitenant betuijgen het zelve hoog nodig te hebben ben ik van oordeel dat het Extract Resolutie Genoomen in Raade van Politie te Gale gevraagde gevraagde diend verstrekt teworden mits dot alles blijven tot hun verantwonding hoope hier meede aan de g'eerde Jntentie voldaan te hebben heb ik de eer mij met alle hoog agting tenoemen /:onderstend/: wel Ed: agtb: Gebiedende, Heer uwelEd: agtb: gehoorsaame Dienaar:/was getekend /: L: Aems, /in margine Gale den 30. December 1790: Eijsch voor het schip Seviathan wegens benoodigheeden tot het doen der Reijse van Ceilon na Nederland. als volgt. 12: vijgertrossen in zoort 1. Veijger stuureeps tros 25. lb. Zijl gaaren 10: „ spomp spijkers 15: „ plat koppen 60. „ Roeth 2. Vaaten theer 6. p:s theer quasten 18: ordinaire ijzere kousen 20: geweldige do 6: stoppers kousen 150: lb:o Spijkers van 6: en 7: d=m 20: kann: zijn olij 25. p:s wit lood 1. huijt pombeer :/onderstond:/ in het schip Loriathan den 27: December 1790: /was getekend /. J: v: D: plasen A: L: kanters. en is daar op verstaan de g'eijschte benoodigheeden voor 't schip Leviathan, voor zoo verre de E: Equi pagie meester Aems, ten opsigte van de Equipagie goederen der noodzaakelijk heeft geoordeeld, te„ laaten verstrekken: dog de volgende artikulen, teweeten pomp spijkers, Blatkoppen, ver„ wen inz: en lijn olij te excuseeren; wijl de overheeden volgens den scheeps inventaris, daar van ingevolge order en bepaaling, te Batavia en wel voor de reijse na 't vaderland; heb„ ben ontvangen 25: ponden pomp spijkers 25: lb: ponden Plat koppen, 120: ponden verwen en 60: kannen zijn olij: Doch zoo de overheeden echter daar op staan en voorgeeven mogten van deselven volstrekt nodig te hebben, dan hen opteleggen om voor zoo verre sij van de op Batavia ontvangene quantitijten alreeds verbruijkt hebben, bij eene verklaaring /:onderstond/ voldoende Haage zien voldoende aantetoonen Nog is beslooten om het geeischte zijlgaaren meds dies onstente„ nis alhier, van kolombo te versoeken. Ackordeert Corn:s Johanns Idé gezweklerk Twaalff heele Leggers. Zes halve. Insteede van de Agter uitgezeilde op Batavia, waer van Een beEedigde verklaering is gepasseert of Colombo, door de officcieren van boven gem: bodem. In 't schip voormeld den 6. Jannuarij 1791. /:was getee„ „kend:/ J: van der Plas en A: L: Manters. Waer op goedgevonden is de daar bij geeischte Twaalff heele en ses halve Leggers in steede van de op Batavia bij vertrek van 't schip Leirathan Eijsch voor het schip Levrathan Is door Rondzending, gerefumeerd de ten deezen g' in se„ reerde Eisch voor 't schip Leerathan. Saterdag den 8 Jannuarij A. o 1791. Extrakt Resolutie genoomen en aaade van Politie te Pale. HGsolave Vlakzoor van van Daar, achter gebleeven, volgens eene Desweegen te Kolombo ingediende be-eedigde verklaaring, aan de overheden van gemeld schip te laaten Accordeert. Corns: Johanns: Idé verstrekken. gezeeklerk

NL-HaNA_1.04.02_10026_0510 view scan ↗

English

No 76 Thursday the 23rd 7ber 1740 Having read by means of circular among the honorable members the following requisition of necessities submitted by Captain Lieutenant Munts for the service of the packet boat De Zeemeeuw, together with a report from the Master of the Equippage Aems concerning the aforementioned requisition of necessities. Requisition of what is needed for the packet boat De Zee-Meeuw: 9 blocks with metal sheaves and iron pins for topsail ties, and for brig and peak halliard as well as brig sail sheet. 4 sheaves with metal bushings and iron pins of 3 1/2 inches, for in the yardarms of the topsail yards. 3 dozen nails of various sorts. Extract Resolution taken in the Council of Galle. 3 dozen [illegible] 3 dozen sheaves of various sorts, pieces are supplied. 6 lines of six, lines of [illegible] are not remaining here in stock; for the hawsers of 18 and 24 threads, light coir could be supplied, as there is no European stock remaining. 6 ditto of 9. 6 ditto of 12. 4 hawsers of 18 threads. 2 ditto of 24 threads. 2 bundles of marline of 20 strands, and supply. 20 lb nails of various sorts of 3, 4, and 5 inches. 20 lb grease. 6 small blocks for the topgallant rigging. 2 single blocks with iron-bound swivels of 8 inches for topsail halliards. Beneath stood: was signed: P Muntt. In the margin: Galle the 22nd xber. To the Right Honorable Mr. Peter Sluijsken, Commander of the city and lands of Galle, Matara, etc. Right Honorable Commanding Sir, The undersigned Master of the Equippage has the honor to present herewith to Your Right Honor a requisition of required equipment goods from the captain of the packet boat De Zee-Meeuw, which goods requested therein ought to be supplied, except for the lines and hawsers which are not remaining here in stock; however, instead of the Dutch hawsers, coir could be supplied. Awaiting Your Right Honor's disposition, I have the honor to be with all high esteem, Beneath stood: Right Honorable Commanding Sir, Your Right Honor's very obedient servant, Was signed: L Aems. In the margin: Galle the 24th 7ber 1790. It is approved and agreed to have the aforementioned requested necessities supplied according to the proposal of the Master of the Equippage Aems. Agreed. Corns Johanns Sde, sworn clerk, 1790. No 77 Saturday the 25th 7ber Anno 1740 Read by means of circular, a report from the express commissioners who inspected the packet boat De Zee-Meeuw. To the Right Honorable Mr. Peter Sluijsken, Commander of the city and lands of Galle, Matara, etc. Right Honorable Commanding Sir, In fulfillment of Your Right Honor's honored order by written warrant of the 20th of this month, we the undersigned, Jan Vogelenzang, master of the shipwrights and house carpenters, Nicolaas van Borgonje, master workman of the said yard, Frans Lambias and Willem Iswaart, shipwrights of the shore, have repaired on board the packet boat De Zee Meeuw currently lying anchored in this bay, and there, in the presence of the Captain at Sea and Master of the Equippage Lucas Aem and the captain of the said vessel, the honorable Pierius Muntz, have carefully inspected and found, beyond what was written from Colombo, to be further needed: A new sprit boom, a supporter under the cathead, a topgallant cap, and according to the statement of the ship's officers the tops ought to be widened by 2 to 3 feet, and subsequently to caulk this vessel inside and outside, and whatever further might be discovered during the caulking. Hoping herewith to have fulfilled Your Right Honor's honored order, we call ourselves with due high esteem and respect, Beneath stood: Right Honorable, very obedient servants. Was signed: J Vogelenzang, N van Bourgonje, F Lambias, W Iswaart. In the margin: Galle the 22nd 7ber 1790. Lower, in the presence of: signed: L Aems and P Muntz. Whereupon it was agreed to have the defects on this packet boat remedied immediately in accordance with the aforementioned report, and to put this vessel in a condition for a speedy departure. Agreed. Hybrands, sworn clerk.

Dutch transcription

N:o 76: Donderdag Den 23. 7ber: 1740. Door middel van Rondzending bij DE: Leeden geleesen zijnde de hier onder volgende Eysch van benodigdheeden door den kapitain Luij„ tenant Munts ten dienste van de Pakket Boot de zeemeeuw overgelegd, nevens een berigt van den Equipagie meester Aems aangaande voorm: Eijsch van benodigdheeden Eijsch van het benodigde voor de Paquet Boot de Zee-Meeuw 9. blokken met metaale bossen en ijsere Naagels voor marse draaijreeps, en voor Brik en Biks val als meede Briks zijl schot. 4. schijven met Metaale bossen en ijzere nagels van 3. ½. duijm. voor in de nok„ ken der Marsa raas 3. Dozijnen nagels in soorten Extrakt Resolutie genoomen in Raade van Gale 3 Dozijne Lourman ien 3. Do zijnen scheeven in zoorten stik zijne verstrekt 6. Lynen van Zessen sijne van getz zijn hier 6 do — „ 9. .. niet per restand voor de 6. do „ 12. trossen van 18 en 24. d:t zour ligte vijger kunnen ver„ 4 Trossen o 18. draad strekt worden wijl hier 2 _=o „ 24. „ geen Europas Restant is 2. Bos Marlijn 20 streng en verstrekken 20. lb: spijkers in soorten van 3. 4. en 5. duijm 20 „ smeer 6. kleijn klokjes voor het bramtuijg 2. Enkelde blokken met ijzer beslagen war„ tels van 8 d=m voor Marse vallen /:onderstond:/ was geteekend:/ P Muntt /:in margiene:/ Gale den 22. xber: Aan den wel Edele Achtbare N Peter Sluijsken kommandeur der stad en landen van Gale Ma wel Edele Achtbaare Gebiedende Wa Den ondergeteekende Equipagie meester Accordeert heeft de Eer uwel Edele Achtb: hier neevens aante bieden Een Eijsch van Benodigde Equi„ pagie goederen van den kapitain van de Paquet bood de Zee- Meeuw welke goede„ ren, daar bij gevraagd, dienden verstrekt te worden uitgenoomende zijnen en Tros„ sen die hier niet per restand zijn doch insteede van de vaderlandse Trosse zoude vijger kunnen verstrekt worden In afwagting van uwel Edele Achtbaere dispositie heb ik de Eer met alle Hoog achting te zijn /:onderstond:/ wel Edele Achtb: gebiedende Heer uwer wel Edele Achtb: zeer gehoorsaemen Die„ naar :/ was geteekend:/ L: Aems /: in margine:/ Gale den 24 7ber: 1790. Is goedgevonden en verstaan de voorschree ven geeijschte benodigdheeden na den voorstel van den d Equipagie meester Items te laaten voldoen. heeft Corns: Johanns: Sdé gezweklerk 1790. ture &ra. No: 77. Nagetien Franke Saturdag Den 25. ' 7ber Ao 1740. Is door middel van Rondzending ge„ leesen, een Rapport van expresse ge„ kommitteerdens die de Paket boot De Zee-Meeuw gevisiteerd hebben Aan den wel Edelen Achtb: Heer Peter Sluijsken, kommandeur der stal en Landen van Gale Mature &=ma Wel Edele Achtbaare Ge„ biedende Heer. In voldoening van uwel Edele Achtb: g'eerd bevel bij schriftelijke ordonnantie van den 20. deezer hebben wij ondergeteekendens Jan vogelen zang baas der scheeps en huijstimmerlieden Nicolaas Extrakt Resolutie genoomen in Raade van Gale van van Borgonje meesterknegt der gemelde werf Frans Lam„ bias en willem Iswaart scheep timmerlieden van de wal ons vervoegt op de tans in dees Baar g'ankerd leggende Paquet boot De Zee Meeuw en aldaar ten overstaan van den kapitain ter zee en Equipagiemeester Lucas Aem en den capitein van gemelde boo„ dem DE: Pierius Muntz naauw keurig gevisiteerd en bevonden buijten het aangeschreeven van kolombo nog noodig te zijn Een Nieuwe geijk Boom Een doukker onder de kraanbalk Een Bram Esels heefd, en volgens opgaave van de scheepsoverheeden dienen de Marsen 2. â 3. voeten verbreet te worden, vervolgens dien Boodem binnen en Buijten boord te Calvaaten en wat zig verder bij het Calvaeten mogte ontdekken. Hoope hier meede aan uwel Edele Achtb: g'eerd bevel voldaan te hebben noeme ons met verschuldigde Hoog Achting en Eerbied /:onderstond:/ wel Edele Achtbaare zeer gehoorsaemen Die naaren /:was geteekend:/ J: voge„ len Zang N: van Bourgonje, F: Lambias, w: Iswaart /:in„ margine:/ Gale den 22. 7ber: 1790. lager ten overstaan /:geteekend:/ L: Aems en P: Muntz: waar op verstaan is de gebreeken aan deese Daket bood Conform voorsz: rapport ommiddelijk te laaten verbee„ teren en dit vaartuijg tot een spoedig vertrek in staat te stellen. Accordeert. mogte Hijbrands HEgklerk

NL-HaNA_1.04.02_10026_0514 view scan ↗

English

No: 18: Nineteen On 2 April 1790. On the 2nd of April at half past 7 o'clock in the morning we were outside the Texel gat when the pilot left the ship; set course then around WSW and on 3 April passed the Forelands. In the evening at half past 5 o'clock the main topmast broke four or five feet above the cap in fair weather and sailing before the wind; during the night set up another topmast. On 5 April steered out of the Channel and transferred the reckoning onto the Mercator chart, the wind being ENE with a reefed topsail breeze, which wind held until the 8th and then shifted to the South and SSW with heavy squalls, through which we were forced to let it drift under the reefed brig sail and foresail. On the 9th the weather calming down and the wind shifting, made sail again. On the 11th in the morning at half past 4 o'clock a heavy squall and sea overtook us, through which the fore topmast plunged overboard and for which we furled the other sails, and which wind held with a course breeze until the following day when the weather changed for the better, and subsequently had good weather. On the 16th while making the rounds found the main topmast to be cracked above the cap, reefed the same 3½ feet. N.B. had not sailed at all with the aforementioned mast and had fair weather, and had now already lost 3 topmasts, of which two in fair weather. From this it appeared that the tops were too narrow for the height of the topmasts, so that the rigging did not have enough spread, just as I had already told the master carpenter at Enchuijsen. Report to the Right Honorable and Noble Lord Willem Jacob Van de Graaff, Councilor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon, by the undersigned commanding the packet boat Zeemeeuw. Francke On 19 April saw the island of Porto Santo to the south of us, and at 8 o'clock saw the island of Madera. Found that our dead reckoning was 5½ miles too far East as we found ourselves on the 17th of this month 5¼ miles farther East than the bearings of the land indicated. Found in sight of the said island the variation of the compass to be 20 degrees NW. Remained struggling in sight of the island of Madera for two days due to calm, so that only on the 24th we sighted two of the Canary Islands, being those of Ferro and Palma, and subsequently had the wind with a reefed topsail breeze from the ENE, so that already on the 28th in the evening at sunset discovered one of the Cape Verde Islands, namely Island of Sal. Found that our reckoning differed here 9½ miles from the bearing of the land. Steered subsequently with the N and NE wind around the SSE and SSW, and which wind we held until 5 May at 3 degrees N latitude, beginning then to struggle with calms, so that not until 18 May did we pass the Equinoctial line, at the dead-reckoned longitude of 357 degrees 35 minutes and according to the determined longitude of the previous day 355 degrees 58 minutes, and at the observed variation of 10 to 11 degrees NW. Received then soon the SE trade wind, with which sailed around SSW and SW, but the westernmost that we have been according to dead reckoning was 351 degrees 39 minutes longitude, but according to the determined 349 degrees 22 minutes. The lowest variation that we have had was between 3 and 4 degrees NW. On 12 June being at the latitude of the Cape of Good Hope, and at 9 degrees 52 minutes longitude, set the course due East, since we already encountered the West trade wind here. On 23 June at daybreak saw the African coast and took bearings of Table Mountain to the NE by E of us. Found that morning the variation of 24 to 25 degrees NW. At noon according to dead reckoning had the Cape of Good Hope East 27 miles, and according to the determined longitude through the measurement of the distances between sun and moon of the 21st of June East 8 miles, and at that time took bearings of the west point of False Bay North 2 miles, so that we found ourselves 29 miles farther East than we had dead-reckoned since the bearing of Island of Sal, and according to the last determined longitude 10¼ miles farther East than dead-reckoned. But according to the astronomical observations of the Abbé de La Caille, who places the Cape of Good Hope at 34 degrees 35 minutes longitude, the reckoning according to the last determined longitude would differ only 1 mile. In the afternoon tacked into False Bay and at night at half past 2 o'clock came to anchor in Simon's Bay. On the 26th departed for the Cape and asked permission to make repairs to the topmasts and two topsail yards as well as the widening of the tops, though the latter could not be done due to lack of wood. Departed again on the 30th for the Bay, where work was done with all speed on the necessary spars, and having already removed the tops, had them replaced again directly. Worked every day on the necessary ship's work. On the 7th of July received the spare spars on board and were ready to be able to sail, and was mustered in the morning. Had received a sailor on board here in place of one who had stayed behind absent in Europe. On 8 July received a prisoner on board to deliver him to Ceylon, and in the evening received the papers from the Cape. On the 9th at first variable light airs, weighed the kedge anchor, but the SE wind coming through again let it drop again. On the 10th the wind SE, SW and NW, light and unsteady breeze with rain squalls. On the 11th at night, the breeze continuing from the NW, weighed the small bower anchor and at 7 o'clock the best bower anchor and got under sail, the wind being then from the NW.

Dutch transcription

N:o: 18: Nagetien den 2. April 1790. Den 2=e April s' morgens om ½ 8. uuren waaren buite het gat van texel toen de Loots van boord ging stelde vertrokkken uit als toen de coers om de W: Z: W: en passeerde den 3. April Texel de hoofden, s'avonds om ½ 6. uuren bratt de groote Den 3 April passeere steng vier of vijf voeten boven het Ezelshoofd met de hoofden grootesteng mooij weeder en voor de wind zeijlende zette des nagts een ander steng op den 5. April steevende het Canaal uit en bragte het bestek over in de ronde kaart, de wind aan het O:N:O: zijnden met een gereefde marsz: Coelte, welke wind tot den 8=en bekieuwen en als toen omloopende na het zuijden en Z: Z: W: met swaare wind buijen waar door genoodtzaakt waare het te laten drijven voor het gereefde Brikzeijl en fok, de 9„e het weeder bedaarende en de wind omloopende, maakte weder zeijl, den 11. s' morgens om ½ 5. uuren overviel ons een zwaare buij en zee waar door de voorsteng overboord stample en waar voor de andere zeijlen bergden en welke wind aan kieuw met een onderzeijls Coelte, tot des anderen daags toen het weeder veranderde ten goeder, en hadde vervolgens goed groot steng gekraakt weeder, den 16:e met het doen der ronden bevonde de groote steng boven het Ezelshoofd gekraakt te zijn, reefde 1 N. B. hadde in het geheel niet met gemelde sterg de zelve 3½ voet. gezeijld en mooij weeder gehad en hadden nu reeds 3. stengen verlooren waar onder twee met mooij weeder hier uit bleek dat de Marse te smal waare na de hoogte der stengen dat het wand geen genoegzaam uitspatting hadde zo als ik ook reeds aan de Baas Timmerman tot Enchuijsen gezegt hadde verlooren. voor steng verlooren Rapport aan de Hoog Edele Gestrenge Heer willem Iacob Van de Graaff, Raad van Neederlands India Gouverneur en Directeur van het Eijland Ceijlon, door den ondergeteekende Commandeerende de Paquet boot Francke Zeemeeuw den Eijlanden arriveeren in de Simons Baaij dat ons bestekt 5½ mijl te Oostelijk was als wij ons 17. deeser 5¼ mijl oostelijke bevonden dan de Peijlings van het Land te staan kwamen, bevonde in het gezigt van gemelde Eijland de miswijsing der Naald te zijn 20. gr: NWring, bleeven door stilte twee dagen in het gezigt van het Eijland Madera sukkeler, zo dat Eerst den zien d' Canaries 24:t twee der Canarise Eijlanden in het gezigt kreegen Zijnde dat van Feero en Palmaen hadde de wind vervolgens met een gereefde m zeijls coelte uit het O: N: O: zo dat reeds den 28:e s' avonds met zons ondergang een zien d' Caap verdiese der caap verdiese Eijlanden Namentlijk I. de sal outdekte, bevonden dat ons bestek hier 9½ mijl differeerde met de Peijling van het Land. steevende vervolgens met de N. en N O: wind om de Z: CO: en Z: Z: O: en welke wind behieuwen tot den 5e Meij op 3. gr: N Breete beginnende als toen met stilte te sukselen, zo dat niet voor den 18e Meij de Linie Passeere d' Linie Equinoctiaal passeerde, op d' gegiste Lengte van 357: gr: 35 mi:t en volgens de bevonde Lengte van den voorige dag 355. gr: 58e en op de geobserveerde miswijsing van 10. â 11. graader N:Wring, kreegen als toen spoedig de Z: O: Passaad, waar meede om de Z: Z: W: en Z: W: giseg„ dog het westelykste dat wij geweest zijn volgens gissing was 351. gr: 39. Lengte dog volgens de bevonde 349. gr: 22:, in d' Laagste miswijsing welke gehad hebben was tusschen 3. en 4. graaden N: Wring, den 12 Junij op de Breete der Caap de Goede Hoop zijnde, en op 9. gr: 52: Lengte stelde de Coers regt oost, dewijl hier reeds west Passaad ontmoete. gien d' africaanse Den 23:e Junij zaage met den dag de Africaanse kust en peijlde de Tafel berg in het N: O: L O: van ons, bevonde die morgen de miswijsing van 24. à 25. gr: N: Wring op de middag hadde volgens gegist bestek Caap de Goede Hoop Oost 27. in der daad bevonden, en volgens de bevonde Lengte door zien d' Eijlanden Den 19=e April zien het Eijland Porto santo in 't Zuijden de meekig der distantien tusschen zon en maan van den Porto Panto en van ons, en ten 8. uaren zagen het Eijland Madera bevonde mijlen van ons en volgens de laast geobserveerde Lengte van den 21„te Iunij Oost 8. mijlen en op dien tijd Peylde de West 1 der Baaij Falso Noorden 2. mijlen zo dat wij ons 29. mijlen Oostelijker bevonden dan gegist hadden seedert de Peijling van I. d' sal en volgens de Laast bevonde Lengte 10¼ mijl Oostelijker dan gegist hadde dog volgens de Astronomische observatien van den Abt de La Caille, die de caap de goede Hoop op 34. gr: 35. mi=t Lengte Plaats, zoude het bestek volgens de Laast bevonde Lengte maar 1. mijl differeeren in d' Agter middag Laveerde Baaij Falso binnen en kwamen dessnagts om ½. 2. uuren in de Simons Baaij ten anker, der 26:' vertrokken na d' Caap en vroeg verlof om Reparatien van stenge en twee marse Rhaas te doen als meede het verbreeden der marse, dog welks laaste niet gedaan konde worden wegens gebrek aan hout vertrokkken weeder den 30t: na de Baaij, alwaar met alle spoed gewerkt wierd aan de benoodigde zondhouten en hadden reeds de marse afgenoomen, liete dezelve direct weder overleggen, wertte alle dag aan het noodige scheepswerk den 7:de Julij kreegen de waar Loose rondhouten aan boord en waaren klaar om te kunnen zeijlen, en wierd des s' morgens gemonsterd, hadde hier een matroos aan boord gekreegen in Plaats van eenen welken absent was gebleeven in Europa Den 8:e Iulij kreegen een arrestant aan boord om den zelven over te geeven op Ceijlon en s' avonds ontfingen de Papieren van de caap der 9:e in het eerst veranderlijke Lugtjes, ligte het hij anker dog de Z: O:t wind weder doorkoomende lieter het weder druippen, den 10. de wind Z: O: Z: W: en N: W: Labber en ongestaadige coelte met regen buijen. Den W1. s' nagts het Lugtje doorstaande uit het N:W: ligte het tuij anker en ten 7. uuren het daags anker en gingen onder zeijl de wind als toen Mijlen uijt den Madera. Eijlanden Kust

NL-HaNA_1.04.02_10026_0516 view scan ↗

English

In the margin Done on board the vessel mentioned in the heading of this document, 11 January 1790. Departing from the [illegible], the wind coming from the N.W., increasing to a reefed topsail breeze, at 10 o'clock we were outside the bay, set our course out to sea, the wind rising still further and during the dogwatch, with heavy squalls and a high, surging sea, were thereby forced to heave to, as we could no longer steer properly. On the 12th in the morning, the wind calming down again, made sail again and steered our course once more, and subsequently had mostly fine weather, having reached our southernmost point at 38 degrees latitude. On 3 August in the evening at sunset, saw the island of Amsterdam; corrected our reckoning here because we found ourselves 29½ miles further east than we had dead-reckoned, but only 1½ miles further east according to the last observed longitude of 20 July; subsequently had fine weather and struggled for a few days with faint breezes while passing the Maldives. On 4 September in the evening at 7 o'clock, sailing with a topgallant breeze, the main topmast broke two to three feet above the cap. At 10 o'clock, being at the latitude between the Laccadives and Maldives, set the course to the east, and on the evening of 8 September sighted the Malabar coast, but could not distinguish any landmarks before the following day, the 9th, at the hill of Brinsjan, by which bearing we saw that we were 45½ miles further east than we had dead-reckoned, though according to the last determined longitude, which was on 3 September, we were 19¼ miles further west than we had dead-reckoned to be since that time. On the morning of the 10th, passed Cape Comorin and steered along the line of the coast until the evening, when due to a calm we had to anchor near the point of Tristandoorn. On the 11th, weighed anchor again and sailed to the roadstead of Pinto caijl. Immediately went ashore and gave personal notice of my arrival by letter to the Chief of Tutucorijn, at the same time requesting him to assist me with a pilot. On the 12th, received orders from the Chief of Tutucorijn that we could depart again, and he sent me an order to requisition a person from the bark De Kreeff to serve as a pilot. Got under sail in the evening around 8 o'clock, and in the evening during the first watch, with fine weather, the main topmast broke again from pitching; saved the running gear and brought the stump back up. On 14 September, came to anchor in the roadstead of Colombo. Was signed: P: Muutz Agrees with the original: Corns: Johannk Idé Sworn clerk To False Bay. 6 Examined: Warm: de Run Report to the Right Honourable, Right Worshipful Sir Willem Iacob Van de Graaff, Councillor of the Dutch East Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon, By the undersigned, commander of the packet boat Zee meeuw. Pursuant to the orders of Your Right Honourable Worship, weighed anchor in the afternoon of 18 September 1790 in order to sail to Punto Gaale to carry out the necessary repairs, and in which bay on the following day, the 19th, in the evening at sunset, dropped anchor; and the master of the equipage came on board immediately, with whom, after the packet had been properly moored by his Honour, I went ashore to give notice of my arrival to the commander, and at the same time requesting his Honour to issue orders that the necessary repairs be carried out. On the 20th, went on board with the master of the equipage and the master foreman of the shipyard, who took inventory of the defects of the packet boat, consisting of making the anchor lining, widening the tops, since they were too narrow and therefore could not provide any firmness to the rigging, making a casing around the pumps, and making two topmasts instead of those broken during the voyage, and another spanker boom, because the one on board was no longer deemed serviceable, as it was rotted in some places, and caulking both inboard and outboard. Immediately unrigged the Zeemeeuw and removed the tops. On the 21st, sent the tops ashore, and the carpenters were busy making the anchor lining, and the caulkers with caulking. On the 22nd, continued working as before, and unloaded the coal, and moved [illegible]. On the 23rd and 24th, rainy, so

Dutch transcription

In Margine Actum aan boord van in het hoofd deeses gemeld den 11. Januarij 1790 Vertrekken uit de uijt den N: W: aanneemende tot gereefde marszeijls Coelte, ten 10. uuren waaren buijte de Baaij, stelden de coers na zee, de wind zig nog meer verheffende en in de Plat voet met swaarer buijen en een hoog aanschietende zee, waaren daar door genoodtzaakt konde stuuren. Den 12. 'smorgens de wind weder bedaarende maakte weder zeijl en stuurde weder coers en hadde vervolgens meest mooij weeder en zijnde het zuydelijkste geweest op 38=e Breete, den 3. Augustus s'avonds met zous ondergang zaagen het Eijland Amsterdam, verbeterde hier aan ons bestek dewijl wij ons 29½ mijl Oostelijker bevonden dan gegist hadden, dog maar 1½ mijl Oostelijker volgens de laast geobserveerde Leugte van den 20:' Iulij, hadde vervolgens mooij weeder en sutkkelde Eenige dagen met flaauwe coeltens bij het passeeren der Maldives, den 4„den september 's' avonds om 7. uuren met een bramzeijld Coelte zeijlen de brak de groote steng twee à drie voeten boven het Ezels hoofd, ten 10. uuren wnara op de Breete tussche de Lak En Maldives stelde de Coers om de Oost en kreegen s'avonds den 8=' September de Mallebaarse kust in het gezigt dog konde niet Eerder verthend zaaken dan des anderendags den 9e aan het Bergje Brinsjan en aan welke peijling zagen dat wij 45½ mijlen Oostelijker waaren dan gegist hadde, dog volgens Laast bevonde Lengte zijnde geweest den 3. September 19¼ mijlen westelijker waaren dan seedert dien tijd gegist hadde te zijn den 10:e s' morgens passeerde de Caap Commerijn en stuurde volgens de strekking der wal tot s' avonds toen door stilte moeste ankeren bij de hoek van Tristandoorn den 11e: Ligte weder het anker en zeijlde om bij te draaijen, door dien niet langer behoorlijk naar de rheede van Pinto caijl begaf mij terstond na Land en gaf P=l Messieve henris mijner komst aan het opperhoofd van Tutucorijn tevens met verzoek om mij te willen assisteeren met een Loots den 12. kreegen order van het opperhoofd van Tutucorijn van weder te kunnen vertrekken en mij een ordonnantie toezond om een Perzoon van de Bark de Kreeff te Ligten om als Loots te dienen, ging des avonds een 20. onder zeijl, en s' avonds in de Eerste wagt met mooij weeder kwam de groote steng weder te breeken met stampen, redde de vliet en bragte de stomp weder na boven Den 14. September kwaamer op de Rheede van Colombo ten anker. Was Geteekent P: Muutz Achordeert Corns: Johannk Idé gezwklerk naar de Baaij Falso. „ 6 Nagezien Warm„ de Run Rapport aan den Hoog Edelen Gestrenge Heer Willem Iacob Van de Graaff Raad van Neederlands India Gouverneur en Directeur van het Eijland Ceijlon Door den ondergeteekende commander de Paquet Boot zee meeuw In gevolge de Orders van UHEg: ligten de Namiddag van den 18:e september 1790. het anker ten Eijnde nae Punto Gaale te zeijlen om de noodige reparatien te doen, en in welke Baaij s' anderen daags der 19:e s'avonds met sons ondergang het anker liete vallen, en kwam den Equipagie meester op stond aan boord, en met welke ik na dat de Paquet door zijn Ed: behoorlijk was vast gelegt aan Land voer, om kennisse mijner komst aan den commandeur te geeven, en tevens zijn Ed: verzoekende om order te stellen dat de noodige reparatien gedaan zouden worden Den 20:e voeren aan boord met de Equipagie meester en den meester knegt der timmerwerf, en welke de gebreeken der Paquet Boot op namen, bestaande in het maaken der ankervoering, het verbreeden der marse, dewijl dezelve te smal waaren, en daar door geen vastigheid aan het tuijg konde geeven, het maaken van een kast om de pompen, en van twee stengen, insteede van de gebrookene geduurende de reijse, en een andere Brikxboom, dewijl die aan boord was niet meer goed geoordeeld wierd, door dien op sommige Plaatsen verrot was het breeuwen zo wel binnen als buijten boords Onttuijgde direct de Zeemeeuw, en name de marse af, den 21:'t zoude de marse na de wal en de timmerlieden waaren bezig met het maaken der anker voering, en de Kalvaters met breeuwen Den 22:t nog als vooren gewerkt, er loste de steen Koolen, en Schooven den 23. en 24. regenagtig zoo

NL-HaNA_1.04.02_10026_0519 view scan ↗

English

so that no caulking could be done and the carpenters finished the anchor lining; on the 25th the caulkers went back to caulking, and the carpenters to making the well around the pumps, and we had received the new foretop on board, and rigged the fore-rigging, with which we were finished on the 26th. On the 27th, due to the rainy weather, we could not caulk, but received the new maintop on board, which was fitted, and began rigging the main rigging; the sailmaker was repairing the sails; received orders from Commander Sluijsken to make all possible haste, as by order of the High Government we had to depart with a military detachment to Trinconomale. On the 28th and 29th were finished with the rigging. On the 30th received rations. On the 1st of October the carpenters and caulkers finished their work, and we also brought spare spars on board; on the 2nd and 3rd loaded a little more ballast, and bent the sails, and were ready to be able to sail; on the 10th the ship de Unie came to anchor in the bay in the afternoon. On the 11th received the military personnel on board. On the 12th sailed out of the Bay of Gaale and arrived on the 17th in the Bay of Tinconomale, and anchored before Fort Oostenburg; immediately went ashore where I found Lt. Colonel Drieberg, who at once gave orders for the disembarkation of the troops, and had them disembarked that evening. On the 18th sailed further into the inner bay to better unload the goods belonging to the detachment, and disembarked the chests of the military personnel. On the 19th unloaded some packages. On the 20th received orders to prepare again to depart for Colombo; on the 21st and 22nd fetched water, and were ready to depart. On the 23rd and 24th the stiff south-west wind prevented us from getting out of the inner bay; on the 25th in the evening the wind shifted to the north-west; weighed anchor immediately and sailed to below Klippenburg, where we anchored again; on the 26th at daybreak weighed anchor and sailed out of the Bay of Trinconomale and arrived on the 31st in the afternoon at the Roadstead of Colombo, and was reassigned on the 1st of November by Your Right Honourable for Tutucorijn. On the 3rd and 4th received some goods for Tutucorijn and in the evening the papers from Your Right Honourable; on the 5th weighed anchor pursuant to Your Right Honourable's orders and sailed out to sea; arrived on the 9th at Tutucorijn; on the 11th and 12th unloaded the goods for Tutucorijn; on the 13th discharged ballast; on the 14th began loading salt, and were fully laden on the 20th, and on the 21st received the papers from the chief and orders to discharge at Nigombo; on the 22nd weighed anchor, and on the 23rd in the morning anchored at the Roadstead of Nigombo; on the 25th began discharging the salt, and were completely discharged on the evening of the 2nd of December; on the 3rd and 4th took in some ballast, and departed from there in the evening, and arrived on the 5th before noon at the Roadstead of Colombo, and departed from there again in the evening, pursuant to the orders of Your Right Honourable, for Barbarijen, and arrived there on the 7th; immediately went ashore to execute Your Right Honourable's orders, and returned on board in the afternoon, but it was too calm to be able to depart. In the first watch at 9 o'clock, due to the heavy pitching, the cable broke; immediately dropped the other anchor, and fished for the buoy-rope to recover the anchor, but when it was up and down it broke, so that it was not possible to recover the anchor without staying here the next day for it.

Dutch transcription

zoo dat 'er niet gebreeuw konde worden en de timmerliede klaar geworden met de anker voering, den 25:te de breeuwers weder aan 't kalvaten, en de timmerlieden aan 't maaken der tast om de pompen, en hadde de nieuwe voor marten aan boord gekreegen, en tuijgde aan 't voortuijg en waar den 26:' meede klaar waaren. Den 27:t door het regenagtig weer konde niet kalvaten maar kreegen de nieuwe groote marsz aan boord, en welke overleijden en het groote tuijg begonne te tuijgen de Zeijlmaaker aan 't verstellen der zeijlen, kreege order van den commandeur sluijsken om alle mogelijke spoed te maaken, dewijl op order van reArg: vertrekke moest, met een Detachement Militaire nae Trinconomale Den 28:' en 29:t waare klaar met 't tuijg den 30:t ontsinge randsoen Den 1t. October Kreege de timmerlieden en Kalvaters gedaan werk, en haalde meede aan boord waarlo rondhouten, den 2. en 3:e laade nog een weijnig Ballast, en sloegen zeijlen aan, en waare klaar om te kunnen zeijlen, den 10:e kwam het schip de Unie na de middags in d' Baaij ten anker Den 11:e Kreege de Militaire aan boord Den 12:e zeijlde uit de Baaij van Gaale en arriveerde den 17:e in de Baaij van Tinconomale, en ankerde voor het Fort Oostenburg, voor op stond na Land alwaar den L:t Colonel Drieberg vond, welken aanstonds order gaf tot 't ontscheepen der Militairen, en hadde de zelve ook savonds ontscheept Den 18:e zeijlde verder in de binne Baaij om de goederen behoorende tot 't Detachement beter te kunnen lossen, en ontscheepte de kisten der Militaire. Den 19:e ontscheepte eenige Pakken Den 20 st: Kreegen Order om weder klaar te maaken Om na Colombo te vertrekken den 21. en 22:t haalde water, en waaren klaar om te vertrekken Den 23:t en 24:t belette de stijve Z: W: Wind om uijt de binne Baaij te komen, der 25:t in de avond, liep de Wind nae 't N: W: Ligte direct 't anker en zeijlde tot onder klippenburg, alwaar weder ankkerde, der 26:t met den dag, ligte 't anker en zeijlde de Baaij van Trinconomale uit en arriveerde der 31„t s na de middags op de Rheede van Colombo, en wierd den 1:e November weder door UHEG: aangelegt Voor Tutucorijn. Den 3. en 4:de ontfinge Eenige goederen voor Tutucorijn en s' avonds de Papieren van UHEG: den 5:e ligte het anker Ingevolge UHEg: Orders en zeijlde na Zee, arriveerde den 9:de te Tutucorijn, den 11:e en 12:e ont= scheepte de goederen van Tutucorijn, den 13:e ontloste ballast, den 14:e begonnen zout te laaden, en waaren den 20:t gelaaden, en ontfinge den 21:t de Papieren van het opperhoofd en order om op Nigombo te lossen, den 22. ligte het anker, en den 23 t des morgens ankerde op de Rheede van Nigombo, den 25:t begonne aan het lossen van het zout, en waaren den 2de December s'avonds los, den 3e en 4:e namen eenige ballast in, en vertrokken des le avonds van daar, en kwamen den 5de voormiddag 1d op de Rheede van Colombo, en Vertrokken s avonds weder van daar, Ingevolge de Orders van U HEg: nae Barbarijen, en arriveerde aldaar den 7:de Voer op stond na de wal om UHEg: orders uit te voeren, en kwame 's' middags weder aan boord, dog was te stil om te kunne vertrekzther in de Eerste wagt te 9. uuren brak door het swaar stampen het touw, liete op stond het andere anker vallen, en viste de boeij-reep om het anker weder te krijge, dog de zelve op en neer zijnde brak de zelve, zo dat 't niet mogelijk was het anker weder te krijgen, zonder ons hier s'anderdaags om te om

NL-HaNA_1.04.02_10026_0520 view scan ↗

English

Examined Johann Jacob Loos To the Governor and Director of the Island of Ceilon with its dependencies To the Right Honorable, Highly Esteemed, High and Mighty Lord Willem Jacob van de Graaff Ordinary Councillor of the Dutch Indies No. 79 having to wait, and even then it was uncertain whether it would be obtainable or not. On the 8th, at daybreak, weighed anchor and arrived on the 11th in the evening at Thitucorijn. On the 12th, delivered the papers provided by Your Excellency to the chief. On the 17th, unloaded some ballast and began loading salt on the 22nd, as it had rained so heavily the preceding days that loading was impossible. On the 26th, loading was complete, and we received some Company packages and in the evening received the papers and passes, and departed on the 27th from the roads of Tatucorijn, and arrived on the 28th at noon at the roads of Colombo and anchored. On the 29th, disembarked the Company passes and departed with packets according to Your Excellency's orders again in the evening for Tutucorijn, where we arrived on the morning of 2 January 1791. Immediately sent the packets to the chief. When anchoring, the mooring line parted, immediately dropped the other anchor, and retrieved the buoy rope of the broken one and thereby raised the anchor, and spliced the rope back into it after having cut it off at a quarter of its length. On the 10th, received the packets from the chief and departed from the roads of Tutucorijn, and anchored on the 11th in the morning at 10 o'clock in the roads of Colombo. And request is now made that the undersigned be provided with provisions for 3 months, as the same has expired this month. Was signed: P: Muntz In margin: Done on board as mentioned in the heading of this document. Agreed. 11 January 1791. Corns: JohamEsde In fulfillment of the highly esteemed order of Your Right Honorable Grand Worship, we, the undersigned Johan Elias Edema, Captain Lieutenant, and Gerrit De lange, Lieutenant at Sea; Iacob Teunete, master of the shipyard; and the shipwrights Ian Dirk wassing, Andreas Claase Neetberg, and Marinus Siesau, having convened as commissioners at the barque the Gustaaf standing on the shore, and in the presence of the Right Honorable, Valiant Captain at Sea and Master of Equipage here, Oelke Andringa, precisely inspected the same and discovered the following defects, namely: 1. That the stem post inside is rotted from four feet off the floor up to nine feet high, which has caused water penetration inward and thereby severe leakage when the vessel was laden, which defect could be rectified in the most competent manner without it being necessary that an entirely new stem post be made. 2. That the keel is cracked, which has also caused a severe leakage in the scarf, about which, however, we cannot properly judge before 4 to 5 inches of the said keel are chopped away in order to discover the further defects and to see whether the vessel should be provided with a false or with another new keel, although we think by visual inspection that it will require a new keel. 3. That the counter together with the transom and cabin windows must be raised as much as practicable, and 4. That defective planks and wales have been found both outboard and inboard and on the deck, in place of which new ones are required. For the repair of the aforesaid defects in the least expensive manner for the Honorable Company and also for the best of the vessel, we determine that the third signed master will require the following timber, nails, etc., namely: 10, say ten pieces of Malabar teak planks of 1 inch 30, thirty Batavia large thick planks or 3-inch thick boards 30, thirty Malabar teak planks of 3½ inches 4, four Batavia tanjung beams, 24 to 25 feet long, 8 to 9 inches thick 3, three Malabar teak beams 8, eight Batavia handspikes 50, fifty Swedish planks 150, one hundred fifty pieces of Batavia mill planks of 1 inch for the double sheathing 250, two hundred fifty pounds of sheet lead 4, four pieces of Colombo crooked timbers 25, twenty-five pieces of Kalpitiya oar wood 1000, one thousand pounds of 1-inch nails 1500, one thousand five hundred sorted 5-inch nails 35, thirty-five cans of fine white lime, and 45, forty-five pounds of red sheet copper. To this we, the undersigned, add that this above statement is an estimated calculation, but when the said vessel is opened up, one would be able to discover further whether the defects might be more or less, and if the defects are found to be greater, this estimated calculation would not be sufficient to provide for the same. And once the said vessel is properly provided for and the double sheathing is overlaid with Batavia mill planks of 1 inch and is cleaned annually, we, the undersigned, think that the same could sail for 7 to 8 years, provided no maritime misfortunes befall it. We hope hereby to have complied with the highly esteemed purpose of Your Right Honorable Grand Worship, and remain with the utmost respect and reverence, below stood, Right Honorable, Highly Esteemed, High and Mighty Lord, Your Right Honorable Grand Worship's loyal and very obedient servants, Was signed: E: Edema, G: De Lange, J: Tennese, Ian Dirk Wassing, Andreas Cablzo Akberg, and Mazinis Pisouw. In margin: Colombo, 9 December 1790. Beside: In the presence of me, was signed: O: Andringa. Agreed. Corns: Jolianns: Idé, sworn clerk

Dutch transcription

Nagezien Johann Jacob„ Loos Gouverneur en Direkteur van het Eiland Ceilon met dies onderhoorligheeden om te moete ophoude, en als dan nog wisselvallig of het te krijge zoude zijn of niet, den 8t: ligte met den dag het ansher en arriveerde den 11 e s' avonds tot Thitucorijn, den 12:e gaf de Papieren door UHEg: meede gegeeven aan 't opperhoofd, den 17. loste eenig ballast en begonne den 22:' aan 't zout Laaden dewijl het de voorige dagen zoo sterk geregent had, dat men niet konde ontfange, den 26:e waare gelaaden, en kreegen nog eenige Comp:s Paszker en ontfinge s'avonds de Papieren en patletten en vertrockken den 27t: van de rheede van Tatucorijn, en kwamen den 28:t s' middags op de rheede van Colombo ten ansher, den 29. ontscheepte de Comp:s pasesen en vertrokken met Paquette Ingevolge de Orders van UwEg: weder s'avonds na Tutucorijn, waar den 2. Januarij 1791. des morgens arriveerde, zond de Paquetten op stond na 't opperhoofd, met het anker gaan, brak het tuij=touw, liete op stond het andere ariker vallen en viste de boeij reep van 't gebrooke en ligte hier meede 't anker, en straken 't touw er weder in, naar het bij 't quart afgekapt te hebben Den 10:e ontfinge de Paquette van 't opperhoofd en vertrokken van de rheede van Tutucorijn, en antherde den 11:e s' morgens om 10. uuren op de rheede van Colombo, en nu verzogt word om aan de ondergeteekende voor 3. maanden randsoen te willen laate verstrekken, dewijl het zelve in deese maand verloopen is. was geteekent P: Muntz in margine Actum aan boord van in het hoofd deeses gemeld Ackordeert den 11. Januarij 1791. Corns: JohamEsde Ter voldoening aan het hoog g'eerde bevel van uw wel Edele Groot Achtb: hebben wij ondergetekenden Iohan Elias Edema kapitein duitenant en Gerrit De lange luitenant ter zee Iacob Teu„ nete baas van de scheepstimmerwerf in de scheepstimmerlieden Ian Dirk wassing, Andreas Claase Neetberg en Mari„ nus Siesau ons als gekommitteerdens vervoegt bij de op de wal staande bark de Gustaaf en ten overstaan van den wel Edelen Manh: heer Oelke Andringa kapitein ter zee en Equipagiemeester alhier dezelve exaktelijk gevisiteerd en daar aan de volgende gebreeken ontdekt als. 1Dat de voorsteven tol van binnen is gegeeden van veer woeten van anderen af tot negen voeten hoog het welk een inwatering na binnen en daar door zwaare lekkagie veroorzaakt heeft als het vaartuijg gelaaden was, welk gebrek op de bekwaamste wijze zou konnen verholpen worden zonder daarom nodig tewezen dat een geheel nieuwe voorsteven gemaakte worde 2. Dat de kiel gescheurd is het welk ook een swaare bekkagie in de las heeft gegeven waar over wij echter niet wel kunnen oordeelen voor en al eer 4 a 5 Duijm van gedagte kiel afgekapt zijn om de verdere gebreeken te ontdekken en te zien of dat vaartuijg met een loose dan wel met een ander nieuwe Wel Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende: Heer Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlands In dia Aan Den wel Edelen Groot Achtbaaren Heer kiel m No: 79: gezeeklerk kiel diende voorzien teworden, schoon wij denken volgens oogen scheijn dat er een nieuwe kiel zal vereijschen. 3 Dat het verwulf nevens de spiegel en kajuijt rengsters mat„ verhoogt worden zo veel doenlijk zij, en 4. Dat onbekwaame planken en barkhouten zo buijten als binnen boord en op het dek bevonden zijn in welker steede nieuwe vereijst worden. Ter herstelling van voorschreve gebreeken op de minkostbaarste wijze voor de Edele Compenie en ook ten beste van het vaar tuijg stellen wij dat de derde getekende baas zal van noodin hebben de volgende toutwerken, spijkers etc=a als 10. zegge tien p:s mallab: tekke planken van 1 d=m 30 „ dertig „ batew: Groote tinkande planken of 3 d=m swalpen. 30: „ dertig „ maltab: tekke planken van 3½ d=m 2. thien 10 4. „ vier „ batav: tang Jongks balken lang 24 â 25 voeten dik 8 â 9 d=m 3. „ drie „ Mallab: tekke balken. „ batav: wind boomen. 8: „ agt 50 „ vyftig „ „ sweese planken 150. „ Een honderd vijftig p:s batav: moole planken van 1 d=m tot dubbelhuijd 250 „ twee honderd vijftig lb plat lood 4. „ vier p:s kolomb: kromhouten 25 „ vijf en twintig p:s kalp: riem houten 1000 „ Een duijzend lb Duijms 1500 „ Een duijzend vijf honderd Inzoorten 5 spijkers 35. „ vijf en dertig kann: fijn wit kalk en 45 „ vijf en veertig lb: rood plaat koper. Hier bij voegen wij ondergetekenden, dat deze bovenstaande opgave een kalkulative bereekening is, maar wanneer gem: vaar„ tuijgd op gebroken word, zo zoude men nader kunnen ont„ dekken, of de gebreeken min of meer zouden zijn, en wanneer de gebreeken meerder bevonden worden, zo zoude deze kal„ kulative berekening niet toeryjkende weesen om dezelve te voorzien, in als gem: vaartuijg na behooren is voorzien en de dubbelhuijd met bataviase moole planken van 1 d=m worden overgelegd en 'sjaars worden schoon gemaakt, zo denken wij ondergetekende, dat dezelve 7 â 8 Jaaren zoude kunnen vaaren, indien er geen zee ongelukken dezelve overvallen. Wij verhoopen hier mede aan de hoog g'eerde oogmerk van uw wel Edele Groot Achtb: voldaan te hebben noemen, wij met de meeste ontzag en eerbied /:onderstond:/ wel Edele Groot Achtbaare Hoog gebiedende heer, uwer wel Edele Groot Achtbaarheids Trouwschuldige en zeer Gehoorzame Dienaaren /:was getekend:/ E: Edema:, G: De Lange, J: Tennese, Ian Dirk Wassing, Andreas Cablzo Akberg en Mazinis Pisouw /:in margina:/ kolombo De 9 December 1790 /: beseijde:/ Ten overstaan van mij /:was getekend:/ O: Andringa Ackordeert F Corns: Jolianns: Idé geleeklerk

NL-HaNA_1.04.02_10026_0522 view scan ↗

English

Examined Woutersz. No. 81: Demonstration of what a two-masted vessel requires annually in maintenance beyond what a one-masted vessel or sloop requires. For a two-masted vessel: - 1/2 native leather hide: f 208. 10. - - 3 wheel blocks - 6 six-inch blocks, namely 3... - 2 tarred lines: f 8. 18. 8. - 1 white line: f 8. 10. 8. - 3 hanks of ratline: f 4. -. -. - 3 marlines: f 1. 7. 8. - 4 lbs. sail twine: f 2. 19. - - 1/4 bolt of Dutch sailcloth: f 5. 18. - - 2 pieces of sailcloth: f 72. 3. 8. - Bunting in all: 6 pieces: f 72. 10. 8. - For making 4 tarpaulins: 104 lbs. gray hemp cloth for the manropes: f 105. 4. 8. - 5 hanks of sail twine: f 20. 9. - - For ditto, 16 scupper leathers: f 453. 17. - - 798 ells of broad Dutch duck for making the set of sails: 13 1/2 bolt of small cordage with 2 topgallant sails and 2 staysails: f 18. 18. 8. - 36 hanks of sail twine: f 45. 16. 8. - 5/16 barrel of tar: f -. 4. 8. - 1075 ells of Dutch sailcloth for a heavy set of sails: f 762. 11. 8. - 18 hanks of sail twine: f 92. 4. 8. - 2 1/2 pieces of sails or sprit sails that can be used for 18 months: f 5. 9. 8. - 4 Dutch lines: f 21. 16. - - 1 barrel of tar: f 12. -. - Total: f 894. 1. 8. Deduct 1/3 of this: f 278. -. 8. Balance: f 616. 1. - - 3 pieces of 100-fathom ropes: f 40. 16. 8. - 1 lead line in exchange: f 1. 5. - - 4 pieces of iron hawsers: f 52. 3. 8. - 1 piece of six-inch hawser of 180 fathoms for warping: f 18. -. - - 1 piece of 80 fathoms: f 31. 2. - - 16 lbs. of pump leather: f -. 16. 8. - 1/2 barrel of tar: f 2. 18. 8. - 3 paint brushes: f -. 16. 8. - 20 lbs. of paint, including 14 lbs. white lead, 2 lbs. red lead, and 4 lbs. yellow ochre: f 15. 15. - - 18 jugs of linseed oil: f 32. 14. - - 4 small kegs of lampblack: f 20. 2. - Carried forward: f 1792. 18. - - Rope for port tackle line: f -. 4. 8. - Buoy rope - 10 single blocks, including 16 coffee blocks: f 5. 6. 8. - 1 sailmaker's palm: f -. 8. - - 10 ballast baskets: f 7. -. - - 8 hooks and thimbles, assorted: f 1. 11. - - 3 sail needles: f 5. 2. - - 12 pieces of gunflints: f -. 10. 8. - 6 lbs. of flat-headed nails: f -. 3. 8. - 1 awl: f 24. 9. 8. - 5 bundles of binding rattan: f -. 1. - - 6 oars: f -. 8. - - 1 draw bucket (this must be accounted for in the inventory): f 7. 1. - - 10 single blocks, assorted: f -. 18. 8. - 3 wheel blocks: f -. 5. - - 2 iron hawsers: f 1. -. - - 4 six-inch hawsers, namely 2 of 100 fathoms and 2 of 80 fathoms: f 18. 2. 8. - 1 white line: f 16. -. - - 2 bundles of ratline: f 2. 17. 8. - 2 marlines: f 7. 1. - - 1 pump leather hide: f 4. 13. - - 1 1/2 barrels of tar: f 5. 6. 8. - 4 tar brushes: f -. 1. - - 12 loose blocks: f -. 13. 8. - 8 hooks and thimbles: f 2. 18. 8. - 1 bucket: f -. 16. 8. - 3 paint brushes: f 15. 15. - - 18 jugs of linseed oil: f 18. 18. 8. - 6 pieces of bunting: f 8. 18. 8. - 2 pieces of sailcloth: f 1. 6. 8. - 1 lb. of serving twine: f 32. 14. - - 12 gunflints (to be accounted for in the inventory): f 2. -. - - 10 ballast baskets: f 1. 7. 8. - 5 bundles of binding rattan: f -. 9. 8. - 20 lbs. of nails, assorted: f 52. 3. 8. - 4 Chinese planks: f 104. 4. - - 1/4 bolt of Dutch cloth: f -. 3. 8. - 2 breeching lines: f 28. 9. - - 4 lbs. of sail twine: f 5. 2. - - 1 sailmaker's palm (to be accounted for in the inventory): f 3. -. - - 1 scrap of old sailcloth: f 5. 18. - - 1/2 native leather hide: f 30. 2. - - 2 ballast shovels (to be accounted for in the inventory) - 16 lbs. of oakum - Muskets, oars, and awl (to be accounted for in the inventory) - 20 lbs. of paint, including 14 lbs. white lead, 2 lbs. red lead, and 4 lbs. yellow or brown ochre - 6... - 1 tarred line: f 8. 10. 8. - 1 lead line (to be accounted for in the inventory): f 2. 17. 8. - Company nails: f 1. 5. - - 8 ballast shovels - 1 bit with brace - 1 scrap of old sailcloth - 8 handspikes - 1/2 musket cleaners and shoes - 1 suit of rigging, once every six years. Added hereto are the wages, board money, and rations of 3 sailors, with which two-masted vessels are ordinarily more heavily manned than a one-masted vessel, namely: - 3 sailors, at a monthly wage of f 10 per month, makes annually: f 360. -. - - Board money at 48 1/2 stivers makes ditto 21.66, or: f 72. -. 8. - Rations such as bacon and meat: f 197. 7. 8. Subtotal: f 629. 8. - - 2 bilge pumps - 36 hanks of sail twine for repairing the sails: f 2. 2. - Total: f 1873. 5. - For a sloop or other one-masted vessel: - 6 anchor buoys - 20 lbs. of nails, assorted - 4 Chinese planks Carried forward: f 209. 8. - Balance brought forward: f 2502. 13. - Grand total carried forward: f 2502. 13. 7.

Dutch transcription

Nagezien „ Woutersz: No: 81: —½ Huijd inl: leeb Aanthoning van het geen een Tweemast vaertuijg 's jaerlijks meerder aen onderhout nodig heeft als een vaertuig met een mast of sloep voor Een twee mast vaertuig. --ƒ 208. 10. — 3. „ wiel da. 6. „ vijger do. als 3. „ 2. geteekde lijnen - - - - - 1. witte lijst 3. str: Ruijzings 3. „ Charlijnen - - - - - 4. lb: Zeilgaken ¼. Rol Hollands Zeildoek 2. p=s: Zeil kleedjes vlagge doeken in't: 6. „ to t maken van 4 presenning 104. lb: graauw hennip doek v: de eman= 4„ o manpie rings „ 5: Av: Zeilgaren. . . . . Voor dito 16. spugtsklappen. 798. Ca: hollands breed Everdoek 2 tot 't make van t stelligte 13½ „ Lifl puttelijn met 2. bram zeils en 2. 36: str: Zeilgaeren. . 5/16. vat theek - - - - - - - - - . - Eijseils - 1075 @: holl: Zeildoek. . - tot een stel zwaer ƒ 762. 11: 8. 18. Ar: „ Zeilgaken.. 2½. p=s zeil of valijken zeilen die 18. m: „ 92: 4. 8. lang kunnen ge=„ 5. 9. 8. 4: „ Holl: Lijnen - - 1. vat theek - brucht worden. „ 21: 16:— ƒ894. 1. 8. hier af 1/3. . . „ 278. — 8 3. p=ls van 100 g=s - - - - - - - - ƒ 40: 16. 8. 1 Loodlijn in ruijling - - - - - - - - - - - - - „ - -„ 616. 1.— pns vij ale trosse van 180. g=t tot Springen- 4. p:s Eijzere tross=en - - - - . . . . - - - - „ 52. 3. 8 „ 80. „ - - - - - - -½ 31: 2:„ -- 16. 1lb: Pomp„ ½ vale kheek 3. verq. quasten 20. lb: verwen inz: als 14. lb: wit lood an 2 4: menie 5 4. lb: geele„ okter Kann: Lijxolie 18. Tonnetsjes Zwartsel 4. Transporteeke. - 72. 10. 8. 105: 4: 8. 20. 9. 453. 17. — 18. 18. 8. 45. 16. 8. -- ƒ 1792. - -- — - - - „ —. 4. 8. „ „ „ „ 8. 18. 8. 8. 10. 8. 4. —. —. - 1. 7. 8. 2 19 — 5: 18: — 72. 3. 8. „ „ - „ — - . - 1. 5: — 18 „ „ „ .„ „ „ „ —. 16. 8. 2. 15: 15: — 3. 18. — 18. 8. 8. 13. — 32. 14. — 20. 2. —. „ „ ——— -- - - - - End tot portuur lijn. - boevreep ƒ 10. Enk blokken in'z: 16. Koffij agls.3 „ Zeilplaet 10. ballast manden - - - - - - 8. halken en kousen inz: - - - - - - 3. Zeilnaelden. 12. p=s vuursteenen. 6. lb: plat koppen. 1. „ Els - 5. bossen bindrottings - - 6 Baaringen 3 1 slag puts - - - - dit moet bij de inventaris — verantwoord worden 10: p=s Enkelde blokken inz: 3: „ wiel d=o — 2. „ Eyzere trossen - - - - - . P=r Transport - - - - - - - ƒ 1792. 18. — 4. „ vijger do —. als 2. van 100. . 2. van 80. f- „ 18. 2. 8. 1. „ witte de 2. bossen huijsing - - - - - „ marlijnen 2. 1. Huijd pompleer 1½. vaten scheek - - . . 4. p=s theer quasten - - - - - 12. „ loos sn ogels - - - 8. „ haeken en kousen Aker 3. p„s verfquasten - - - 18. kann: Cijnolij 6 p=s: vlagge doeken. 2. stuks zeilkleeden 1. lb: paaij gaaren 12. p=s vuursteenen om bij de invent=s te ver antwoorden- 10. „ ballast mandjes - - - - - 5. bose bindrottings 20. lb. spijkers, inz::. - 8. 4. p=s sineese planken - - - - - - - „ ¼. rol holl: doek „broeking. den 0. Her elegere „ 28„ 9 2. ƒ 4. lb: Zeilgaren. . . . 1 - 1. „ Zeilplaet om bijde invent=s teverantw. - . „ 1. lap oud zeildoek. ... - . ½ huid inl: leet 2. ballast schoppen om bij de invent=s te verantw:„ 16: lb: poeth ranemmea. moskuijlen. vaaringen.. Els bij de invent=s. te verantw:. . 20. lb: verwen inz: als 14. lb: lood wit 2. lb: 6. „ o - - - – „ 1. „ geteerde Lijn. . . . . . 1 „ Lood d=o by de inventaries verantw:„ meni en 4. lb: geel of bruijn -- 3„ —„ 5. 18. — 30. 2. — P:r Transport. . . . Voor een sloep of andere een mast vaertuijg. ƒ 2502. 13. - - - „ 8. 10. 8. - - - - - - „ 2 17 8. - – – - - - - „ 1: 5 Comp Spijker 8. „ ballast schoppen. - ..ƒ 1. „ door met omslag... 1. Lap oud zeildoek. 8. p=s handspaken- ½ moskuijsenners en schoenen 1. want om de zes Jaaren Eens. Hier word nog bij gevoegt de gagie kostgelden vand „zoen van 3. matroosen met welke de 2 mast vaek„ „tuijgen ordinaia sterker bemand zijn dan hen mast vaertuig als. 3. matroosen stelle, aen gagie ƒ 10. p„:r maend maekt in 't Jaer - - - ƒ 360. —. — kostgeld â 48. ½. st2 indias maekt d=o 21. 66. of - - - - „ 72. —. 8. Rand zoen als spek Vleesch ƒ197. 7. 8. ƒ 629: 8:— 2 „ botte liet pompe - - - - 36. stv: Zeilgaren tot 't repareeren der Zeilen - - - 2 2: Tezamen - - - - ƒ 1873: 5: —. 6. Anker boeien 20. „ spijkers inz. .. 4. „ sineese planken . . . Transporteere. . . . - - ƒ2502. 13. 7: Transporteere ƒ 209. 8. —. ƒ 2502: 13. — .. - - - - - - - - - - - - „ —. 4. 8. ƒ - - - - - - „ 5. 6. 8. - - - - - - „ — 8 - - - - - - „ 7. „ - - - - - - - „ 1. 11 . . . „ - ...- - : - . . .- - - - - - - - – - - „ 5. 2. — . . . „ —7 10: 8: . - „ —. 3. 8. - „ . „ 24. 9. 8. „ —„—. — — .. -- . . - - ... —. —. „ —. 1. „ – - – – – „ — 8 – 7. 1. - ::: - - - - - - - „ —. 18. 8. : -- .„ - „ - . 5. — 1. — „ 16: —: 12. — -„ 2. 17. 8. - - - - - - - - „ 7. 1. — . . . . . . . . . . . „ 4. 13. —. - 5. 6. 8. „ —. 1. — „ —. 13. 8. „ „ „ „ 2: 18: 8: „ 16. 8. 15. 15: 18: 18. 8. 8. 18. 8. . : . „ - „ „ „ - 1. 6. 8: 32. 14. — - 2 —„ 1. 7. 8. „ 9. 8. 52. 3. 8. „ 104. 4. /9. P. „ „ „ . - - „ — 3. 8. 5. 2. —. -- - : -- - &=o:

NL-HaNA_1.04.02_10026_0524 view scan ↗

English

7. 4. 8. 3 pieces of mooring hawsers of 188 fathoms for springs 1 drill with its brace to be accounted for in the inventory bottelier pumps 5 [illegible] 6 anchor buoys 4 manropes breechings for the pumps [illegible] 4 110 pieces of Dutch broad duck canvas yearly for making 168 ditto narrow ditto of 1 large jib 70 cotton ditto 21 skeins of sail twine, [illegible] ells and 1 flying jib ¼ piece of boltrope are 3/8 barrel of tar 1 No. 69 2 double sailcloth ƒ 57544: — 25 skeins of sail twine ƒ 8: 6: — 1 piece of boltrope ƒ 46: 2: 18 ƒ 2 [illegible] 134 1/8 20 7/8 barrel of pitch 760 lbs of Dutch canvas for the [illegible] ƒ 8. 15 — 35 skeins of sail twine 2 of 1 mizzen ƒ 46. 2. 8. ¼ piece of boltrope 1 [illegible] ƒ 2. 15. — lines jib ƒ 13. 12: 8. 616. 15 — deduct 1/3 ƒ 205. 11. Thus the costs here amount in 1 year to 411: 4. 160 lbs of broad duck canvas for 1 awning and 2 studdingsails ƒ 2: —. — together ƒ 1222. — 25 1 set of shrouds every 6 years This deducted from the other, it appears that the yacht masted vessel exceeds those of the mast by ƒ 1280. 8. — with The remaining provisions such as firewood, night light, repair of cook's goods, coopery, lanterns, lamps, hourglasses, compasses are differing little from one another. Below stood: Colombo, the 9th of December A:o 1790. Was signed: A: J:ssendorp. 1 draw bucket 16 scupper leather flaps, thereto 40 lbs of gray canvas, foresail, 2 skeins 5/8 barrel of tar J: W: Rynder Pursuant to the highly honored order stated in the resolution taken in the Council of Ceylon on 20 November 1789, the undersigned has examined the annexed specific statement of the expenses for the repair and provisioning of the Company's sloops and lesser vessels for the book year 1786/9, and has found nothing in the same that is contrary to the regulations made therefor. The undersigned only has the high honor to demonstrate herewith that the excess provision of ƒ 2579. 12. 8 has principally arisen from necessary repairs to the bark De Liefde, which have amounted to well over ƒ 5000. —. — And the provisions for the sloops De Kreeft and Chinsura, which in the previous book year were not present here, together Noble, Right Honorable, High-Commanding Lord, To the Noble, Right Honorable Lord Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councilor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon with its dependencies. 18 2 8 62. 8. 9. — ½. 5. 12. — 409. 8. ƒ 2502. 13. — Carried forward ƒ 72. 10: 8 8. — No. 82: Agrees Corns: Johann:s Pal sworn clerk ƒ 2775. 6. 8. 5. — 27. 13 — 8. 38 7. 8. 2. Examined today 1 drill with its brace to be accounted for in the inventory bottelier pumps 5 [illegible] 6 anchor buoys draw bucket 3 pieces of mooring hawsers of 188 fathoms for springs J: W: Rynder 16 scupper leather flaps, thereto 40 lbs of gray linings for the [illegible] sail twine 4 manropes 110 pieces of Dutch broad duck canvas yearly for making 168 ditto narrow ditto 70 cotton ditto of 1 large jib 21 skeins of sail twine, [illegible] ells and 1 flying jib ¾ piece of boltrope are 3/8 barrel of tar 169 pieces of double sailcloth ƒ 57544 —. — 35 skeins of sail twine ƒ 8: 1: — 1 piece of boltrope ƒ 46: 2: 18 ƒ 2 [illegible] 154 1/8 7/0 5/8 barrel of pitch 760 lbs of Dutch canvas to [illegible] ƒ 8. 15 — ƒ 545. 10 — 35 skeins of sail twine ¼ piece of boltrope of 1 mizzen ƒ 46. 2. 8. 1 [illegible] ƒ 2. 15. — /8 barrel of tar jib ƒ 13. 12: 8. 616. 15 — deduct 1/3 ƒ 205. 11. Thus the costs here amount in 1 year to ƒ 4101: 4. — 160 lbs of broad duck canvas for 1 awning and 2 studdingsails ƒ 2: —. — together ƒ 1222. — 25 1 set of shrouds every 6 years 2 This deducted from the other, it appears that the yacht masted vessel exceeds those of the mast by with ƒ 1280. 8. — The remaining provisions such as firewood, night light, repair of cook's goods, coopery, lanterns, lamps, hourglasses, compasses are differing little from one another. Below stood: Colombo, the 9th of December A:o 1790. Was signed: A: J:ssendorp. ƒ 409. 8. ƒ 2502. 13 Carried forward 72. 10: 8½ 8. — 14: 8 18 2 8 620 1 8. 9. — 25. 12. — 5 5. — 21. 13 — Pursuant to the highly honored order stated in the resolution taken in the Council of Ceylon on 20 November 1789, the undersigned has examined the annexed specific statement of the expenses for the repair and provisioning of the Company's sloops and lesser vessels for the book year 1786/9, and has found nothing in the same that is contrary to the regulations made therefor. The undersigned only has the high honor to demonstrate herewith that the excess provision of ƒ 2579. 12. 8 has principally arisen from necessary repairs to the bark De Liefde, which have amounted to well over ƒ 5000. —. And the provisions for the sloops De Kreeft and Chinsura, which in the previous book year were not present here, together Noble, Right Honorable, High-Commanding Lord, To the Noble, Right Honorable Lord Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councilor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon with its dependencies. No. 82: Agrees ƒ 2775. 6. 8. 2 1. 8. 3 8. 7. 8. 5. — 7. today together sworn clerk Corns: Johann:s Pal 5 Examined

Dutch transcription

7. 4. 8. 3. p=s vijgertrossen van 188: g:s tot springen. . 1 „ boor met zijn omslag bij de invent:s te ver„ bottglievs pompen 5 rentw: 6. „ anker boeien 4. „ Mamierings. „ broekings voor de pompen zeegene - - - - „ 4 110: p: holl: breed Everdoek jaerlijns tot 't makt„ 168. „ don smal da. .. van 1. groote kluijver 70 „ attoens do. . . - 21. str: Zeilgaren. - -. . - t0p-etlen 1. Jager ¼ p=s. Zeillijken. - - - - - - „ zijn - - - - - - - - - - 3/8. vat theek. . . . . 1. - N69. 2. Dobl: Laalboek. . . . . . ƒ 57544: — 25: St: Zeolgare. . . . . . . . „ 8: 6:— 1 ss Zeillijken. . . . . . . „ 46: 2: 18 ƒ . 2e„ Lix: 134 1/8. 20 - - 78 vat drck.. 760: @d: holl: Zeildaek om de na mtst „ „ 8. 15 — 35: stx: Zeilgaaren. . t 2 van 1. bisaam. „ 46. 2. 8. ¼ p=r: zallijken. . . . . 1. lretok a t stor. . „ „ 2. 15. — lijnen . . . . . Kluijver - - - - - - - „ 13. 12: 8. 616. 15— hier af 1/3. . . „ 205. 11. Dus belopen de kosten hiet in 1. Jaek 411: 4. 160. lb breedeverdoek tot 1. branckeil en 2. Leizeils . . . „ 2: —. „ tezamen - - - - - - - - ƒ 1222. —25n 1. want om de 6. Jaaren. E Dit van den anderen afgetrokken, zo blijkt dat den Jach mast vaertuig die van den mast surmonteeren ƒ 1280. 8. — met De overige verstrekkingen als branthoud nagt Gigt ae „pareering van kons goederen vaet werken lanthaarens koepers lampen uurglasen Compassen zijn weinig van elhander verschielende. /:onderstond:/ kolombo den 9:e December A:o 1790. /:was geteekend:/ A: J:ssendorp. 1 „ slag puts. 16. „ spugats klappen. . . . . . daertoe 40. lb: graa . - - lennip Foek 2. str: „ 5/8. vat theer . - J: W: Rynder volgens hoog g'eerde order vermeld bij resolutie genoomen in raade van Ceilon den 20 9ber: 1789 heeft den onder„ geteekende geexamineerd de nevensgaande specifique aantooning van het bekostigde tot het repareeren en voorsien van scomp=s sloepen en mindere vaartuij„ gen van het boekjaar 178 6/9. en heeft bij het sel„ ve niets gevonden dat strijdig is met de daar voor gemaakte bepalingen Alleen heeft de ondergetekende de hooge Eere hier bij te vertoonen, dat de meerdere verstrekking van ƒ2579. 12. 8 hoofdzaekelijk ontslaan is door noodsaakelijk repa„ ratien aan de bark de Liefde welke bedraa„ En de verstrekkingen aan de sloepen de kreeft en Chinsura welke in 't voorige boekjaar alhier niet present waaren te samen - gen hebben ruijm - - - - - - - - - - - ƒ 5000. —. — Wel Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer Aan den Wel Edelen Groot Achtb: Heer Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlandsch India Gouverneer en Directeur van Het Eiland Ceilon met dies onderhoorig„ 18 2 8 62. „ 8. 9. — ½. 5. 12. — 409. 8. ƒ 2502. 13. - Pr. Transport. ƒ 72. 10: 8 „ 8. — „ No: 82: Ackordeert Corns: Johanns Pal gezevklerk „ 2775. 6. 8. - „ 5. — 27. 13 — 8. 38 7. 8. „ „ - - - 2. Nagezien heeden „ boor met zijn omslag bij de invent:s te ver„ bottgliers pompen. 5 rentw:- 6. „ anker boeien. slag puts. 3. p=s vijgertrossen van 188: g:s tot springe. . J: W: Rynder „ 16. „ spugats klappen. . - . . . . daertoe 40. l: gra eenvoerings voorde komt Zielgaar tes. 4. „ Mannierings.. 110 p:s holl: breed Everdoek jaerlijns tot 't maka„ 168. „ don smal da 70 „ attoens do - - - - van1. groote kluijver 21. str: Zeilgaren. - . . . 0 p=- ell en 1. Jager ¾ p=s. Zeillijken. - - - - - - - „ zijn - - . - - - - - - 3/8. vat theek. . . . . . - - - - - - „ 169. P: Dobl: Lealboek. . . . . . ƒ57544 —. — 35: stx: Zeilgern. . . . . . . . „ 8: 1: — 1 ps Zeillijken. . . . . . . „ 46: 2: 18 ƒ 2 Lax: 154 1/8. 7/0 - 58 val beck. 760 ld: holl: Zeildoek om dair m: tct „ „ 8. 15 — ƒ 545. 10 — 35. stx: Zeilgaaren. ¼ p=r: Zallijken. . . . . van 1. disaan. „ 46. 2. 8. 1. lretok a t stom. . „ 2. 15. — ..... /8. vatt theer. . . kluijver - - - - - - - „ 13. 12: 8. 616. 15— hier af 1/3. . „ 205. 11. Dus belopen de kosten hier in 1. Jack. . „ 4101: 4. — 160. lb breedeverdoek tot 1. branczeil en 2. Zeizeils. . . . . . „ 2: —.— ƒ 1222. -2en tezamen. . . . . . . 1. want om de 6. Jaare. 2 Dit van den aenderen afgetrokken zo blijkt dat den Jach mast vaertuig die van de moth sunnenteeken met ƒ 1280. 8. — De overige verstrekkingen als branthoud nagt gigt ae „pakcering van koks goederen vaetwerken lanthaarens koepers mpen uurgladen Compassen zijn weinig van elkander, verschillende. /:onderstond:/ Kolombo den 9„e December A:o 1790. /:was geteekend:/ A: Js sendorp. ƒ 409. 8. ƒ 2502. 13 Pr. Transport. 72. 10: 8½ „ 8. — 14: 8 18 2 8 620 1 8. 9.— 25. 12. — 5 5. — 21. 13 — volgens, hoog g'eerde order vermeld bij resolutie genoomen in raade van Ceilon den 20 9ber: 1789 heeft den onder„ geteekende geexamineerd de nevensgaande specifique aantooning van het bekostigde tot het repareeren en voorsien van scomp=s sloepen en mindere vaartuij„ gen van het boekjaar 178 6/9. en heeft bij het sel„ ve niets gevonden dat strijdig is met de daar voor gemaakte bepalingen Alleen heeft de ondergetekende de hooge Eere hier bij te vertoonen dat de meerdere verstrekking van ƒ2579. 12. 8 hoofdzaekelijk ontslaan is door noodsaakelijk repa„ ratien aan de bark de Liefde welke bedraa„ En de verstrekkingen aan de sloepen de kreeft en Chinsura welke in 't voorige boekjaar alhier niet present waaren te gen hebben ruijm - - - - - - - - - - - ƒ 5000. —. Wel Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer Aan den Wel Edelen Groot Achtb: Heer Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlandsch India Gouverneer en Directeur van Het Eiland Ceilon met dies onderhoorig„ No: 82: Ackordeert „ 2775. 6. 8. 2 - „ „ 1. 8. 3 8. 7. 8. 5. — 7. . heeden samen - gezeeklerk Corns: Johann:s Pal 5 Nagezien

NL-HaNA_1.04.02_10026_0526 view scan ↗

English

And the 7 anchors supplied instead of unserviceable and lost ones to the sloops the Jonge willem Arnold and the Hervatting, more than in the previous book. That if these aforementioned unavoidable expenses had not occurred, the costs of vessels this financial year would amount to less than in the previous year, amounting to ƒ 1394. 5. 8. Furthermore, I have the honor to remain with all high esteem, /:was written beneath/: Right Honorable, Most Venerable, Highly Commanding Lord, your Right Honorable, Most Venerable's humble and faithful servant, /:was signed/: H: Jssendorp. /:in the margin/: Colombo the 18th of January Anno 1791. Agrees Corns: Johanns: Idé sworn clerk N:o: 83: [illegible]

Dutch transcription

En de verstrekte 7 ankers insteede van onbequaam en verloorene aan de sloe„ pen de Jonge willem Arnold en de Her„ vatting meerder als in 't voorige boek„ Dat Jndien deeze voormelde onvermijdelijke Guastos niet waaren geschied, zouw de onkosten van vaar„ tuigen dit boekjaar minder bedraagen als in 't voorige Verders hebbe de Eere met alle Hoog achting te blijven /:onderstond /: Wel Edele Groot Achtb: Hoog Gebiedend Heer uwer wel Edeles Groot Achtb onderdanigen v Trouwschuldigen. Dienaar /: Was getekent /: H: Js„ sendorp. /:in margine/ kolombo den 18. e Janu„ Jaar bedragende - - - - - - - - - - ƒ 1394. 5. 8. arij A:o 1791. Corns: Johanns: Idé Ackordeert gezeeklerk N:o: 83: Naagje Ziet A Grave Vhaazon t

← previous