Inventory 10311
Malabar · 988 pages · 181 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
Aaren 1 and j Sera o7414 Letters & Papers from Mallabaar received from Amsterdam duly signed 6 January 1781. No. 1. Original missive written by and to as aforesaid under date 30 September 1780. 2. Original missive under today's date, written by and to as stated in the heading hereof. Register of Papers Which, by order of the Right Honorable, Highly Esteemed Mr. Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, and Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Cannara, and Wingurla, together with the Council at this roadstead of Cochim, are sent in duplicate to Ceylon, consigned to the Right Honorable, Highly Esteemed Gentlemen Directors at the Meeting of Seventeen, representing the General East India Company of the United Netherlands, for the Chamber of Middelburg in Zeeland, in order to reach their address with the return ships. No. 3. Copy of letters written to Their High Excellencies the High Government of the Dutch Indies at Batavia under dates 13 February, 31 March, 7 May, and 20 June of the year 1780, as well as today. 4. A bundle of secret papers. 5. Copy of Resolution Book beginning on 2 January 1780 and ending on 29 December following, provided with a register. 6. Copy of Batavia's answered demand for the year 1781. Dated Batavia 25 September 1780. No. 7. Demand of various European requisites for the year 1782/3. Dated 31 December 1780. 8. Memorandum of such European merchandise as was sold here in the city by private individuals in the past year, showing the prices obtained for them. 9. Memorandum of such merchandise, provisions, materials, etc., as have been purchased here from 1 September 1779 to the end of August 1780, showing their quantity and prices. 10. Return of the merchandise traded in the year 1779/80. No. 11. Return of such goods as have been purchased and sold on the Company's behalf from 1 September 1779 to the end of August 1780. Dated end of August of the past year. 12. Statement of accounts extracted from the trade books of this Government of the year 1779/80. 13. Memorandum of such pepper as has been collected and delivered at this coast from mid-December 1779 to mid-December of the past year. 14. Current account of the powdered sugar sold in the financial year 1779/80. 15. Copy of the list showing the quantity and quality of the goods which the foreign ships and native vessels bring in, the prices for which the same were sold, and which merchandise was exported again, dated end of August of the year 1780. No. 16. Muster roll of the persons who successively deserted from here from the last day of December 1779 to the end of December 1780. 17. Statement of accounts of the Diaconate Poor and the Leper House for the financial year 1779/80. Annex: Copy of the report of the commissioners. 18. Current account of the King of Travancore, dated 9 April 1780. No. 19. Current account of the King of Cochim, dated end of August 1780. 20. Ditto memorandum of the balance of cash of this Government, dated end of August 1780. 21. List of three bills of exchange to the Netherlands. Cochim, 6 January 1781. For the packing: Schemering Golyf Dincken J: Le Coets J:A Dannicheel Agisto Netherlands To the Right Honorable, Highly Esteemed Gentlemen Directors at the Meeting of Seventeen, representing the General Chartered Dutch East India Company, for the Chamber of Middelburg in Zeeland. Honorable, Highly Esteemed, Widely Ruling Gentlemen. We hope that our humble preceding letter, dated 30 September of the past year, has already been received by Your Right Honorable, Highly Esteemed Excellencies. Compared at the Zeeland Chamber, 27 October 1783. Therein we brought to Your Right Honorable, Highly Esteemed Excellencies' notice the receipt of your honored missive dated 23 October 1779, with all the annexes, and since then we have had the honor to receive the duplicates thereof via Batavia. This letter serves to accompany a copy of the general annual description, which we are sending under today's date to the High Indian Government at Batavia, accompanied by such other public and separate copies of missives, as well as the usual annual annexes, as are specified in the Register, to the contents of which we respectfully refer. Furthermore, we accompany this with a list of three bills of exchange amounting in total to ƒ 40,107: 10: —, which we humbly request that Your Right Honorable, Highly Esteemed Excellencies' goodness may be pleased to pay, as follows: Paid into the Company's cash by the testamentary executors of the late Honorable Valiant Major Johan Gorge Englert, the senior merchant and second Reijnier van Haan, and the Secretary of the Council Johan Andries Daimicher, to be paid out again to the gentlemen François van Abkouw, merchant at Amsterdam, and Johan Martin Remer, Court Councillor for the Electoral Palatinate at Bergen op Zoom, together or each in particular, or to their attorneys or heirs, the sum of ƒ 10,341: 14: —. 22,666: —. Paid into the Company's cash by the former bookkeeper Hendrik Dirksz, to be paid out again to the gentlemen Willem Rustingen, wine merchant, and Anthonij Hanekamp, commission bookkeeper at Amsterdam, together or each in particular, or to their attorneys or heirs, the sum of ƒ 29,465: 16: —. Brought forward: ƒ 10,341: 14: —. Rupees 230 9/4. Paid into the Company's cash by the former overseer of the shipyard Paulus Kip, to be paid out again to Maria Bijjersz, widow of Paulus Kip, living on the Braak near the Baangragt at Amsterdam, or to her attorneys or heirs, the sum of ƒ 300: —: —. Total: ƒ 40,107: 10: —.
Dutch transcription
Aaren 1 en j Sera o7414 Brieven & Papieren van Mallabaar van Amsterdam Ontfangen 't reg=s geteekend 6 Januarij 1781. No. 1. 2. Origineele missive door en aan als vooren geschree Origineele Missive Onder hedigen datum, doo en aan als in den hoofde deses geschreevn Register der Papieren Dewelke ter Ordre van den wel Edelen Groot Agtb: Heer Adriaan Moens Raad Extra ordinair van nederlands Jndia, mitsgaders Gouver= neur en Directeur der Kuste Mallabaar Cannara en wingurla, nevens den Raad ter deser Rteede Cochim, Tweevoudig na Ceijlon werden Gesonden G' Consig „neerd aan de wel Edele Hoog Agtb: Heeren Bewindhebberen ter vergadering van Seeventhienen Representeerende de Generaale Oost= „Jndische Maatschappij der ver Eenigde Nederlanden ter Kamer Middelburg in Zeeland, ten Einde met de Retour scheepen addres te Erlangen =ven „ven onder dato 30. September 1780: — N=o 3. Copia brieven aan Haar Hoog Edelheedens de Hooge Regeering van nederlands Jndia tot Batavia Geschreeven onder datis 13. febr: 31. Maart, 7. Maij en 20. Junij A=o 1780:, mitsgaders heden „ 4. Een Bondel met Secreete papieren Copia Resolutie Boek beginnende met den 5. 2. Januarij 1780: en Eindigende met den 29 december daar aan met een Register voorzien Copia b'antwoorde batavias en Eisch voor den Jaar 1781. Ged=t Batavia den 25 September 1780. 6. No N=o 7. Eisch van diverse Europise benodigtheden, voor den Jaare 17 8/3 Gedateert 31:— xber: 1780:— Notitie van Sodanige Europase Koop 8. „manschappen als er in anno pass=o hier ter steede door particulieren Verkogt zijn, met aantooning der prysen daar voor behaald Notitie van Sodanige koopmanschappen, provisien Matarialen enz: als er zedert p=mo September 1779. tot ult=o August:s 1780. alhier ingekogt zijn met Antooning van derselver quantiteijt en prijsen 10. Rendement van de verhandelde Negotie whaaren in A=o 17 38/0 o No N=o 11. Rendement van Sodanige Goederen als er 't sedert p=mo September 1779:— tot ult=o Aug=s 1780. sComp:s wegen ingekogt en verkogt zijn ged:t ult=o Aug:s J=o leeden 12: Staat Reekening Getrokken uijt de Nego= „tie boeken deses Gouvernements 1779 van A=o 17 73/80. „ 13. Memorie van sodanige peper als er sedert medio december 1779: tot medio december J=o leeden te deser kuste ingesamelt en gelevert is „ 14. Reekening Courant van de verkogte poe= „der zuijker in het boekjar 17 39/0. „ 15: Copia List, waar bij aangetoond werd, de quand en qualiteyt der Goederen welke welke de vreemde Scheepen en Jn= „landse vaartuijgen aanbrengen, de prijsen waar voor deselve ver= kogt, en welke koopmanschappen weder vervoerd zijn, gedateert ult=o Aug=s. Ao 1780. N=o 16. Naam Rolle der persoonen die successive= „lijk van hier gedeserteert zijn, 't sedert den Laatsten december 179. tot ult=o december 1780. „ 17. Staat Reekening van de Diaconij Ar= men en het Leproosenhuijs van het boekjaar 17 3/80. Annex Copia Rapport van Gecommitt=s „ 18. Reekening Courant van den Koning van Trevancoor ged=t 9. April 1780: — No. Reekening Courant van den Koning van No. 19 Cochim de dato Ult=o augs 1780. „ 20. _d Notitie van den staat der Cassa deses Gouvernements Ged:t Ult=o Aug=s 1780. 21. Lijst van drie stuks assignaties na Ne„ „derland Cochim den 6 Januarij 1781: — Voor t afbakken Schemering Goljf Dincken J Le Coets J:A Dannicheel Agisto Nederland Aan de Wel Edele Achtbaaren Heeren Bewindlebberen Ter vergadering van Seventhienen, Representeerende De Generaale Nederlandse G'octroijeerde Oostjndische Compagnie ter kamer Middelburg Jn Zeeland. Edele, Hoog Achtbaare Wijd Gebiedende Heeren. Onse nedrige voor afgegaane letteren de dato 30. September Anno passato hoopen wij dat bereets bij uw wel Edele Hoog Achtb: Geleken ter kamer Zeel. den 27. Octr. 1783 zullen zullen zijn ontvangen, wij hebben daar bij uw wel Edele Hoog Achtbaaren ter kennisse gebragt, den ontvangst van derselver g'eerde missive de dato 23:e Octob 1779. met alle de bijlaagen, en zeedert hebben wij de Eer gehad daar van de wedergades over Batavia te ontvangen. Deesen laaten wij dienen ten geleijde van een afschrift van den Generaale Jaarlijkse beschrijvinge, die wij onder heedigen dato aan de hooge Jndiase Rega „ringe te Batavia laaten afgaan, verselt van zodanige andere publicque en appart Copia missives, mitsgaders gewoone Jaarlijkse bijlagen, als op het Register gespecificeerd staan, aan welkers jnhouden wij ons Reverentelijk gedragen Voorts laaten wij deesen versellen Een Lijst van drie stuks. Assignaties te zaamen groot Rep: 795 / Jn groot ƒ 40107: 10. —: welke wij Ootmoedig versoeken dat door uw wel Edele Hoog Achtbaare goedheijd moogen werden vol„ „daan, als 'HCompagnies Kassa geteld door de Heeren Testamentaire Executeurs van wijlen den E. Manhaften Heer Majoor Johan Gorge Englert, den opperkoop„ man en secunde Reijnier van Haan„ en den secretaris van Politie Johan Andries Daimicher, om aan de Heeren François van Abkouw koopman te Amsterdam en Johan Martin Remer, Hof kamer Raat weegens keur palts te Bergen op Zoom te zaamen of ieder in het bijzonder, dan wel derselver gemagtigdens of Erven weeder uijtgekeert te werden met ƒ10341: 14 –. 22666:—. Jn 'sComp:s kassa geteld, door den geweesen boekhouder Hen„ „drik Dirksz: om aan de Die Transporteere Heeren F Transport - - ƒ. 10341: 14. —. Heeren Willem Rustingen wijn verkoper en Anthonij Hanekamp Commissie boek„ houder te Amsterdam te za„ men of ieder in 't bijzonder, dan wel derselver gemagtigdens of Erven weder uijtgekeert te wer„ den met... Rep:s 230 9/4. jn 'sCompagnies kassa geteld, door den geweesene op siender der scheeps„ timmerwerff Paulus kip om aan Maria Bijjersz: weduwe van Paulus Kip, woonende op de braak bij de baangragt te Amster„ „dam, dan wel derselver ge„ „magtigdens of erven weder uijtgekeert te werden met . . „. 300: –. – Somma - - - ƒ 40107: 10. —. „ 29465:16. -. Bij -
English
As it has been further recommended to us by an extract from the general resolution of the Castle Batavia adopted in the Council of India on 20 August 1779 to send our annual demand of European necessities to your Right Noble High Mightinesses, we hereby accompany such demand for the financial year 1783/80 and request that it may be fulfilled via Ceylon, the items consisting of the following: Consumption in the last five years on average | Consumption during the course of the financial year | Remaining under the current date | New demand Warehouse Requirements 10714 — | 11234 1/2 1/4 | 9387 — | 1400 lb nails for the vessels and domestic consumption, namely: 1000 lb 7 inches 490 | 1000 inches 6 inches 198 | 1000 inches 5 inches 967 1/4 | 2000 inches thick double 792 | 2000 inches thin single 2000 inches double 1000 inches triplets 2096 3/4 | 3000 inches joining irons 1000 inches thick single 72 | 200 ells crape lampher Caibs 105 | 39 1/2 [illegible] Stationery Consumption in the last five years on average | Consumption during the course of the latest financial year 1779/1780 | Remainder of the current | New demand 35 1/12 | 40 reams large format paper 3 1/20 | 45 reams small format paper 1/2 | 1/4 | 1/2 imperial paper 1/10 | 1/4 | 15 | 1/2 reams blue draft ditto 1 3/8 | 13/32 | 2 lb cut pencil and red earth 97 1/2 | 47 1/2 | 100 bunches quill feathers 3 | 6 | 3 pieces whetstones 61 | 74 1/2 | 60 lb gallnuts 20 1/2 | 9 1/2 | 20 lb gum 10 1/2 | 11 3/4 | 12 lb copperas 7 | 3 | 6 pieces penknives 2 | 1 | 2 cipher slates 10 cipher slate pencils 1 bookbinder's plow 1 ditto press Printed Books 45 1/2 | 43 3/4 | pieces grammar books 6 | 12 | 18 Steps of Youth 10 | 10 | 24 ABC booklets 20 | 20 | 24 ABC booklets Provisions Consumption in the last 5 years on average | Consumption during the course of the latest financial year 1779/1780 | Remaining under the current date | New demand 241 | 200 | 200 bottles sack wine 3 1/2 | 3 1/4 | 4 barrels Dutch meat 3 1/3 | 3 1/4 | 4 barrels ditto bacon 6 | 4 barrels butter 3/3 | 7 | 2 | 3/4 | 4 half aums olive oil 4 3/8 | 6 | 8 | 6 half aums linseed oil 2 | 6 | 3 | 7 | 6 cases geneva 3 | 1/3 | 3/5 | 2 cases brandy Various Paints 546 | 531 3/4 | 370 | 1000 lb white lead 109 | 32 | 164 | 100 small barrels blacking 1 3/4 | 1/4 | 12 lb vermilion 13 | 25 | 24 1/2 | 25 lb red minium 76 | 155 1/4 | 1000 lb umber 100 lb yellow 4 | 2 1/4 | 12 lb Prussian blue For the Armory 117 | 166 | 48 | 50 pieces drum heads 67 | 84 | 48 | 50 bunches drum lines 32 | 25 | 48 | 36 bunches drum cords 20 | 13 | 50 | 36 pieces drum hoops 20 | 17 | 48 | 36 pieces drum hoops in 4 years 17 1/4 | 26 | 50 pieces chamois leather 27 | 14 1/4 | 31 3/4 | 50 pieces Russia leather 9 1/4 | 6 1/4 | 40 | 25 lb copper wire 82 | 169 | 596 | 200 pieces lantern horns 50 | 200 cutlass and sword hilts in 2 years 3 in 4 years 2 3/8 Consumption in the last 5 years on average | Consumption during the course of the financial year 1779/1780 | Remaining under the current date | New demand Iron for domestic consumption, namely: 34870 | 30445 1/2 | 52383 1/4 | 35000 lb 6000 lb gun carriage iron 2000 lb square 5 quarters 3000 lb ditto 1 inch 4000 lb ditto 3/4 inch 20000 lb narrow flat Sheet copper, thereof: 936 | 799 | 600 | 824 1/2 lb 300 lb red sheet 200 lb yellow sheet 100 lb thin cotton sheet 6 lb mineral borax 1 | 6 pieces coopers' axes pieces cooper's smoothing benches 34 1/2 | 39 1/4 | 48 1/2 | 40 hoeds forging coal For the Smiths' Shop 6 7 13 For the Equipage Wharf 1 piece cable rope of 14 inches 6 pieces lead lines 9 | 5 1/2 | 17 | 30 | 30 pieces Dutch lines 25 3/4 | 26 1/2 | 7 | 40 barrels tar 7 | 27 | 10 barrels pitch 13 | 19 | 15 barrels Dutch rosin 2 1/2 | 2 7/8 | 13 7/18 | 6 hides pump leather 35 | 44 | 50 pieces tar brushes 18 | 21 1/2 | 20 rolls Dutch grey cloth 16 5 1/2 10 23 Consumption during the financial year | Remainder | Consumption in the last 5 years on average | New demand 6 | 10 1/2 | 12 rolls broad sailcloth 20 1/4 | 15 3/4 | 58 | 30 rolls Dutch canvas 41 | 45 | 190 | 50 lb chalk 75 3/4 | 58 3/4 | 108 | 100 lb Dutch sail yarn 4 3/8 | 8 1/2 | 6 | 7 pieces wheel hawsers 1 3/4 | 7/8 | 2 | 2 pieces Dutch shrouds of 6 inches 1 piece cable rope of 11 inches 1 1/4 | 2 1/8 | 3 1/4 | 3 pieces bolt-rope hawsers 130 | 197 | 652 | 50 lb soot 4 1/2 | 2 1/2 | 9 | 2 hides buoy leather 5 3/4 | 8 7/18 | 18 | 10 pieces iron hawsers 9 pieces marlines 8 | 13 | 1 piece Dutch line of 7 inches 4 pieces binnacle compasses 5 | 3 | 5 | 5 pieces half-hour glasses 49 | 36 | 106 | 50 pieces sail needles 15 | 33 | 60 | 50 pieces iron-mounted shovels 24 bunches houseline 11 | 24 | 10 pieces tin hand lanterns 4 | 13 | 1 | 2 of the financial year under the current date 1779/1780 For the Coopers' Shop 7255 | 12271 3/4 | 14002 | 12000 lb hoop iron assorted, namely: 4000 lb whole leagers 3545 | 3454 | 6000 lb half ditto 5513 | 1000 lb whole aums 1490 | 1000 lb half ditto Various medicines and oils according to catalogue Wherewith we have the honor to remain with the utmost respect, Noble, Right Honorable, Wide-Ruling Lords! Your Right Noble High Mightinesses' humble and faithful servants, B. Woens A. V. Harn C. Patten Sael A. J. C. Vernede Haeften J. A. Dannickeusz Cochin 6 January Anno 1781
Dutch transcription
den vertier in de den vertier Met laatste vyff Jaren geduurende Restand door den anderen Resolutie des Casteels Batavia genoo„ men in Raade van Jndia op den 20. au= „gustus 1779 ons nader aanbevoolen zijnde, onse Jaarlijksen Eijsch van Europase benodigtheeden aan uw wel Edele Hoog Achtbaaren te zenden, zoo laaten wij zoodanigen Eijsch voor het boekjaar 178 3/8 deesen versellen en versoeken dat die over Ceijlon mag werden voldaan, bestaande het een en ander in als volgd: Bij een Extract uijt de Generaale Nieuwen den loop van onder Eijsch. het J:o boekj.:r dato, E Pakluijs Behoeftens 10714:— 11234½¼ 0387/„ 1400: lb: spijkers tot de vaartuijgen en Consumptie in de huijshou„ ding, als. . 1000. lb: 7. d=ms 490. . . . . . 1000. „ 6. „ 198. -. . . . . 1000. „ 5. „ 967¼. . . - 2000 „ dikke dubbelde 792. -. . . . 2000. „ dunne Enkelde 2000. „ „ dubbelde - . -. 1000. „ drielingen 2096¾. . . . . . 3000. „ las ijzers —. . - - - - 1000. „ dikke Enkelde 72. . . . . . . 200. –. ellen floers lampher Caibs 105. . 39½ geslagen. Wiejaen Verkerk Schrijftuijgen den vertier in geduurende de laatste vijff den loop van Jaaren door den het Jongste anderen geslagen. Nieuwen resto onder Eijsch. boekj=r 17 7/310. deeses. den vertier Met 35 1/12. 40. —. Riemen groot formaat papier 3 1/20. 45 „ kleen formaat papier —½. —¼. —. —. —½ Jn periaal papier — 1/10. —¼ — 15. —½. „ blauw klad d:o 1 3/8. — 13/32. 2. —. lb: gesneede potlood en rood aarde 97½ 47½ 100. – bossen Pennenschagten 3: 6- 3. - p. s slijpsteenen 61 - 74½ 60. — lb: Galnooten 20½. 9½. 20. Gom „ 10½ 11¾ 12. — „ koperrood 7. - 3 - 6. — p: s pennemissen. 2. —. 1—. 2. — Ceijsser-leijen „ 10. —. Ceijffer-griffen „ 1. — „ boekebinders ploeg d.o Pers. 45½: 43¾ 6. - 12. — 10 10 — 20. — 20. — Provisien 241 200. —. 200 - bottels zecq wijn 3 1/½: 3¼ 4 - vaaten vleesch hollands do 3 /3. 3¼. spek. 4 216. 20 10— 10 Gedrukte Boeken. p:s letter konsten 18. trappen der Jeugt A: 6: c: boutjes A. b. C: boekjes. —. - 24— —. — 18. — - 24 3. —. 62. 1½. 96½ 39½. 3 1/3 . —. 21. — 11. —. 6:— 2. —. 11. — 1. — 1. —. —. —. —. — —. — —. — 1. —. „ — 20 — 7. den verlier het Nieu den vertier in de laatste 5. Jaaren door ged: den loep Restand van het songke onder dato 1en den anderen geslagen. boekjaar 17 3/80. deeses, Eijsch. 3/3. 7. — 2. —. 4 3/8. 6. — 6. - 4 vaaten booter —¾ 4- halve aamen olijven olij 8. -. 6. — „ d=o Lijn olij 2. -. 6 3. 7. 6. -. kelders Genever „ 3. „ — 1/3. — 3/5 — 2. - „ brandewijn. Verven Diverse 546 — 531¾ 370. 1000. — 1b: loot wit 109. — 32. –. 164. — 100. –. tonnetjes swartsel 1¾. —¼. —. : 12. —. lb: vermiljoen 13. —. 25: - 24½ 25: -. „ Roode menij 76 - 155¼ —. 1000. - „ Omber —. —. —. — 100. — „ Geel 4. -. 2¼ 12. —. „ Berlijns blaauw. Voor De wapenkamer 117. 166. —. 48. - 50 – p. s trom vellen 67. – 84 -. 48. 50. -. bossen trom lijnen 32. —. 25. - 48. - 36. - „ trom snaaren 20 - 13 — 50. 36. - p=s trom Reepen „ 20. – 17. — 48 - 36. - „ „ hoepels in 4 Jaren 17¼ —. —. 26. 50 — „ Zeemleer 27. - 14¼. 31¾. 50. –. „ Jugt leer 9¼. 6¼ 40: —. 25. — lb: koperdraad 82. — 169. –. 596. 200: — p:s Lauthaarn hoorns 50. —. —. —. —. . 200. —. houwers en deegens greepen. in 2. Jaarn 3. voor in 4 Jaren 2 3/8. den vertier in de laatste 5. Jaaren door den anderen geslaagen 936. — Het Nieu„ tier ged: Restand wen den loop van het 9o onder dato dee„ Eijsch. bosk:o 17 7/80. ses. Den ver„ 1: ijzer tot Consumptie in de huijs 34870. –. 30445:½. 52383:4: 35000: houding, als 6000. lb: Affuijts 2000 „ vierkant 5. quartiers d:o 1. d=ms 3000. „ „ —¾ „ 4000. „ 20'000: „ smal plat lb: plaatkooper, daar van 799. 600. — 824½. 300. lb: rood plaat 200. „ geel „ din Cattoen 100. „ 6— lb: miner borax —. — 1. —. 6. — p. s kuijpers omhouwers „ strijk banken 39¼ 48½. 40. - hoeden smee koolen. 34½ 3. — 6 6 voor de Equipagie werff. —. —. 1. — p:s Cabeltouw van 14. d=m Lood lijnen 6– „ 9 5½ 17. - 30. - 30- „ lijnen hollands 25¾ 26½ 7. - 40 - vaaten theer Piek 7. 27 . 10. -„ 13 -. 19 - 15. - „ harpuijs hollands 2½. 2 7/8 13 7/18 6: huijden pomp leer 35. 44. -. 50. – pees theer quasten 21½ 20 —. Rollen graauwdoek hollands 18— 16 — 5½. 10. — 23. — voor de smits winkel den 7: 6 —. — 6. — —. —. 2. —. „- 7. 13 den an laatste guned: bekar het Rest. d den vertier in de laatste 5. Jaren door den anderen geslagen Nieuwen Eysch. 6. —. 10½. 12. -. Rollen breed Everdoek 20¼ 15¾. 58. —. 30. - „ zeijldoek hollands 41. —. 45. . 190. 50. — lb: kreijt 75.¾ 58¾ 108. –. 100. –. „ zeijlgaaren hollands 4 3/88 8½ 6. — 7. - p: s wiel trossen 1¾ — /8 2. 2. - „ wand hollands van 6. d=m 1. —. „ Cabel touw van 11. d=m ——. —. —. —. —. 1¼ 2 1/8. 3¼ 3. - „ lijk trossen 130. —. 197 652. 50. —. kb: Roeth 4½. 2½. 9. 2. — huijden boeijleer 5¾ 8 7/418 18 10 - p. s ijzer trossen 9- „ marlijnen 8. — 13 —. 1 — „ reep hollands van 7. d=m —. —. —. - 4: - „ nagthuijs Compassen 5. - 3 - 5. - 5— „ halve iours glaasen 49 36 106. - 50 - „ Zeijlnaalden 33. 60. - 50 — „ beslaage schoppen 15. 24 —. bossen huijsing 11. 24 10. – p. s blikke hand lanthaarns. 4. — 13. van 't „erboekst. Onder dato 1. — —. — 2. — 1789/10. deeses. 9. voor de kuijpers Winkel 7255: — 12271¾ 14002. 12000. —. lb: Hoepijzer in zoort, teweeten 4000. lb: heele leggers 3545. 3454.-. . . . . 6000. „ halve d=o 5513. . . . . 1000. „ heele aams 1490. . . . . 1000. „. halve d=o Diverse medicamenten en olijteijten volgens Cathaloque„ 2 waar 7. — —.— Waar meede ons de Eere geven van met de uijtterste Eerbied te blijven dele, Hoog Achtbaare Wijd Gebiedende Heeren! w wel Edele Hoog Achtbaarens onderdanige en Trouwschuldige Dienaren. r BWoens. AV Harn C: Patten Sael A: J: C: Vernede Haeften Cochim den 6. ' Jannuarij Ao 1781. J: A Dannickeusz
English
The Netherlands. Received at the Zeeland Chamber, the 27th of October 1783. To the Right Honorable Gentlemen Directors at the Assembly of Seventeen, representing the General Chartered Dutch East India Company, at the Chamber of Middelburg, Zeeland. Honorable, Highly Respected, Widely Ruling Gentlemen! We hope that our respectful letters of the 30th of September of the past year and the 2nd of January of this year, along with the annexes, have reached the hands of your Right Honorable Lordships. Since then, specifically on the 5th of August last, through the safe arrival of the ship Amsterdam at the Donegall Roadstead, we have had the good fortune to receive, by the care of the Tuticorin servants, your Right Honorable Lordships' very esteemed letter dated the 23rd of October 1779, with all the annexes listed on the register dated the 24th of December following. The orders and remarks contained therein we shall take as our bounden guide, and the extract from your Right Honorable Lordships' general letter dated the 7th of October 1779 written to the High Indian Government at Batavia, with our respectful reply beside it and accompanied by the customary papers, we will present to your Right Honorable Lordships in the month of January next. Meanwhile, presenting to your Right Honorable Lordships on this occasion a set of the separate letters and annexes dispatched to the High Indian Government at Batavia under the dates of the 31st of March, 7th of May, and 22nd of June last; since then, the circumstances regarding the Company's possessions on this Coast have not changed. However, the Nabob's General Chander Chan, who still resides in these lower lands with a considerable force, has for some time now, secretly joined with the Collastrian Nairs, surrounded the English fort Tellicherry, and has since or very recently openly and hostiley attacked it, and still lies before it in order to conquer it. It is not only on this Coast that the Nabob Hyder Ali Chan is stirring up unrest, but he has also invaded the other coast, or properly speaking the Carnatic, with a large army, as we were informed by the Ceylon ministers and the Tuticorin chief, as well as by Mr. Nagapatnam's Governor van Vlissingen. The letter from the Ceylon ministers and the extract from that of Nagapatnam's Governor are inserted into our Secret Resolution of the 10th of this month, of which we attach a copy herewith, along with the replies dispatched by us to the Colombo and Tuticorin letters, wherein the condition and state of affairs on this Coast are extensively dealt with, to which we respectfully refer. We further accompany this with a list of nine bills of exchange totaling f 56,296:13:8 and humbly request that these may be paid through your Right Honorable Lordships' goodness, namely: Rupees 10,000 paid into the Company's treasury by the Jewish merchant Samuel Abrahamsz, to be paid out again to Messrs. van de Perre and Meyners at Middelburg in Zeeland, jointly or to each separately, or to their authorized agents or heirs, in the amount of f 13,000:-:-. Rupees 6,000 paid into the Company's treasury by the said Jewish merchant, to be paid out again to the abovementioned gentlemen in the same manner as above, in the amount of f 7,800:-:-. Rupees 666 39/48 paid into the Company's treasury by the undersigned Governor Adriaan Moens, to be paid out again to the Right Honorable, Highly Esteemed Mr. Ewout van Haeften, Rear Admiral on behalf of the State under the jurisdiction of the Noble and Mighty Board of Admiralty on the Maze at Delft, or to his authorized agents or heirs, in the amount of f 866:13:8. Rupees 200 paid into the Company's treasury by the said Governor, to be paid out again to Miss Clara Gertruy Milternach, widow of the late Mr. Cornelis Crouwel at Harmelen in the Province of Utrecht, or to her authorized agents or heirs, in the amount of f 260:-:-. Rupees 1,400 paid into the Company's treasury by the aforementioned Governor, to be paid out again to the Reverend Mr. Petrus Moens, Minister of the Divine Word at Aardenburg, or to his authorized agents or heirs, in the amount of f 1,820:-:-. Rupees 20,000 paid into the Company's treasury by the Jewish and Company's merchant David Rhabbij, to be paid out again to Messrs. Pieter Spiering, alderman of the city of Flushing, and Levinus Moens, bookseller at Middelburg, jointly or to each separately, or to their authorized agents or heirs, in the amount of f 26,000:-:-. Rupees 4,000 paid into the Company's treasury by the Jewish merchant Samuel Abrahamsz, to be paid out again to Messrs. van de Perre and Meyners at Middelburg in Zeeland, jointly or to each separately, or to their authorized agents or heirs, in the amount of f 5,200:-:-. Rupees 692 17/18 paid into the Company's treasury by the Jewish and Company's merchant David Rhabbij, to be paid out again to Messrs. Tobias Boas and Abraham Simon Boas, merchants at The Hague, jointly or to each separately, or to their authorized agents or heirs, in the amount of f 900:-:-. Rupees 346 7/48 paid into the Company's treasury by the junior merchant and pay-bookkeeper Coenraad George Seyffer, to be paid out again to Messrs. Wesling and Determeyer Welling, merchants at Amsterdam, jointly or to each separately, or to their authorized agents or heirs, in the amount of f 450:-:-. Total: f 56,296:13:8. With which we have the honor to remain with the utmost respect and high esteem, Honorable, Highly Respected, Widely Ruling Gentlemen! Your Right Honorable Lordships' humble and obedient servants, Cochin, the 30th of September, Anno 1780. A. Moens W. v. Harn J. L. Pattin S. Alb. H. A. J. C. Vernede J. V. Steffen J. A. Dannicheu
Dutch transcription
Nederland. Geldten ter kamer Zeel: den 27. Ocbr. 1783. Aan De Wel Edele Hoog Achtbaare Heeren Bewindhebberen. ser vergadering van Seventhienen, Represen„ teerende De Generaale Nederlandse G'octroijeerde Oostjndische Compagnie Jer kamer Middelburg Zeeland. Edele Hoog Achtbaaren Wijd Gebiedende Heeren! Onse eerbiedige letteren van den 30:e Zep= „tember anno passato en 2. Jannuarij deeses Jaars, Hoopen wij dat uw wel Edele Hoog Achtbare met met de bijlagen zullen zijn ter hande ge „komen. zedert, ofte op den 5. Augustus Jo leden, hebben wij, miets het behourden aerrive„ ment van het schip Amsterdam ter Donnecailse Rheede, het geluk gehad, door besorginge der Tutucorijnse Bedien= „dens, te ontvangen uw wel Edele Hoog Achtb: zeer g'eerde missive de dato 23. october 1779: met alle de bijlagen op het Register„ gedateert 24. december daar aan, vermeld. De Ordres en aanmerkingen daar in vervat, zullen wij tot onse schul= dige narigt laaten strekken, en het Extract uijt uw wel Edele Hoog Achtb. generaale missive de dato 7. october: 1779. aan de Hooge Jndiase Regeeringe te met ons Eerbiedig Batavia geschreeven, antwoord ter zijde, en verselt van de gewoone papieren, in de maand Januarij naastkomend, aan uw wel Edele Hoog Achtb: Achtbaare offereeren. Jntusschen Uw wel Edele Hoog Achtb: bij deeze gelegentheijd aanbiedende, een stell der aparte brieven en bijlagen onder datis 31. Maart, 7: Maij „ 22. Junij J:o leeden aan de Hooge Jndiase Regeering te Batavia afgevaardigt, zedert dien zijn de omstan „digheeden ten opzigte van 'sCompagnies bezittingen ter dees Custe niet veran= „dert, dog 's Nababs Generaal Chander Chan, die zig nog in deeze beneede landen met een merkelijke magt ophoud, heeft nu al eenigen tijd, heijmelijk geconjungeert met de Collastrijse Nai „ros, het Engelsch port Tallicherij in= „gesloten, maar 't zedert of nu onlangs in het openbaar vijandelijk g'attacqueert, en legt als nog daar voor om het te vermeesteren. Het is niet alleen aan deeze Cust dat den Nabab Heijder Alij chan Chan woelt, maar ook is wij aan de overkust, of eijgentlijk in het Carnattis„ met een groot leeger gevallen, zoo als ons door de Ceijlonse ministers, en het Tutucorijns opperhoofd, insgelijks ook door den Heer Nagapatnams Gouverneur van Vlissingen is bedeelt; de briev van de Ceijlonse ministers en Extract uijt die van Nagapatnams Gouverneur zijn g'insereert in onse Secreete Resolutie van den 10. deezer, waar van wij Copia hier nevens voege, met de antwoorden door ons op de Colombose en Tutucorijnse afgevaardigt, en waar bij breedvoe„ brieven „rig verhandelt zijnde de gesteldheijd en den staat der zaaken ter deeser Custe, gedragen wij ons daar aan reverentelijk. Wij laaten deesen wijders versellen van een Lijst van Negen Assignaties tezamen guot ƒ56296:18: en en versoeken ootmoediglijk,„ dat die door uw wel Edele Hoog Achtbare goedheijd mogen werden voldaan, als Rop:s 10'000: -. in 'sComp:s kassa geteld. door den Joods koopman Sa muel Abrahamsz:, om aan de Heeren van de Perre en Meijners te Mid= „delburg in Zeeland tezamen of ieder in 't bijzonder, dan wel derselver gemagtigdens of Erven weder uijtgekeert te werden met ƒ 13000: –. –. 6000. –. in 'sComp:s kassa geteld door gem: Joods koop= „man, om aan boven gem: Heeren invoegen als even weder uijtge„ „keert te werden met 666 39/48. in 'sComp:s kassa geteld, door den onderge„ „tekende Gouverneur Adriaan Moens, om aan den wel Edele Gestr: Heer Ewout van Haeften, schout bij Nagt, van wegens den staat onder het Ressort van het Edel mogende Collegie ter admi= „raliteijt op de Maaze te Delft„ dan wel desselfs gemagtigdens of erven weder uijtgekeert te werden met - - - - -. . „ 866: 13: 8. 200. —. in 'sCompagnies kassa geteld door welmelte Gouverneur om aan Mejuffrouw Clara Gertruij Milternach„ weduwe Transporteere . ƒ 21666: 13: 8. „ 7800. –. – weduwe wijlen den Heer Corne„ „lis Crouwel te Harmelen in de Provintie van utrecht, dan wel derzelver gemagtigdens of erven weder uijtgekeert te wer„ „den met. . . . . . . . „ 260: —. — Rep:s 1400:—. in 'sComp. s kassa geteld, door meermelte Gouverneur om aan den Eerwaar„ den Heer Petrus Moens, be„ dienaar des Goddelijken woords te Aardenburg, dan wel desselfs. gemagtigdens of erven weder uijtgekeert te werden met „ 1820: —. 20'000:—: in sComp.:s kassa geteld door den Joods en 'sCompagnies koopman David Rhabbij, om aan de Heeren Pieter Spiering scheepen der stad Vlissingen en Levi„ „nus Moens, Boekhandelaar te Middelburg te zamen, of ieder in 't bijzonder, dan wel derselver gemagtigdens of erven weder uijtgekeert te werden met „ 26000: —. 4000. –. in 'sComp. s kassa geteld, door den Joods koopman Samuel Abrahamsz: om aan de Heeren van de Perre en Meijners te Middelburg in Transporteere ƒ 49746: 13: 8: Jransport . . . ƒ 21666: 13. 8. „ „ P:r Transport. . . . ƒ49746: 13: 8. in Zeeland tezamen, of ieder in 't bijzonder, dan wel derselver gemagtigdens of erven weder uijtgekeert te werden met „ 5200: —. — rop: 692 17/18. in 'sCompagnies kassa geteld door den Joods en 'sComp:s koopman David Rhabbij, om aan de Heeren gobias Boas en Abraham Simon Boas, kooplieden te 's wage, tezamen, of ieder in 't bijzonder, dan wel der „zelver gemagtigdens of erven weder uijtgekeert te werden 346 7/418 en sComp:s kassa geteld, door den onder„ „koopman en zoldij boekhouder Coenraad George Seijffer om aan de Heeren Wesling en Determeijer Welling kooplieden te Amsterdam tezamen, of ieder in 't bijzonder, dan wel derselver gemagtig „dens of erven weder uijt= „gekeert te werden met „ 450: — — Somma - - - ƒ 56296: 13: 8. met - - - - - - - - - - - „ 900. –. –. Waar Cochim den 30: September Ao 1780. Van wel Edele Hoog Achtb: Onderdanige en Javuw schuldige dienaren. PVWoens WV Harn J: b: Pattin Salb. H A: J: C: Vernede JV Stleffen J: A Dannicheu Edele, Hoog Achtbare, wijd-Gebiedende Heeren! Waar meede ons de Eere geven van met de uijtterste eerbied en Hoog agtinge te blijven
English
dated Amount 866: 13: 8: 7800: –. –. List of the Assignments which, according to the latest orders drawn up by the missive from the Fatherland of the 3rd of April 1778, and under the dates to be mentioned here, have been granted in duplicate on the Netherlands to the persons to be named, for the principal sums counted by them into the Honorable Company's treasury, with its 1/13 agio, that is 13 1/3 percent deduction from the total sum counted into the treasury, or otherwise the Surat silver rupees of 30 Indian stuivers calculated against 26 of the same stuivers each, to wit: the 3rd of September 1780: 10,000 rupees, which were counted into the Honorable Company's treasury by the Jewish merchant Samuel Abrahamsz, to be paid out again to the Gentlemen van de Perre and Meyners at Middelburg in Zeeland, together or each in particular, or else to their attorneys or heirs, with ƒ 13,000:–. –. the same date 1780: 6,000 rupees, which were counted into the Honorable Company's treasury by the said Jewish merchant, to be paid out again to the above-mentioned Gentlemen in the same manner as above, with 7800: –. –. the 18th of the same month 1780: 666:32 rupees, which were counted into the Honorable Company's treasury by the Right Honorable and Highly Esteemed Mr. Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Coast of Malabar, to be paid out again to the Right Honorable and Highly Esteemed Mr. Ewout van Haeften, Rear Admiral on behalf of the State under the jurisdiction of the Right Honorable College of the Admiralty on the Maze at Delft, or else to his attorneys or heirs, with 866: 13: 8: the 18th of the same month 1780: 200 rupees, which were counted into the Honorable Company's treasury by the well-mentioned Lord Governor, to be paid out again to Miss Clara Gertruy Mitternach, widow of the late Mr. Cornelis Crouwel at Harmelen in the province of Utrecht, or else to her attorneys or heirs, with 260: —: —: 4 Assignments Rupees 16866:32. Carried forward, with ƒ 21926:13: 8. Dated 4 Assignments Rupees 16866: 32: Carried forward, with ƒ 21926: 13. 8. Amount the 19th of December 1780: 1400 rupees, which were counted into the Honorable Company's treasury by the well-mentioned Lord Governor, to be paid out again to the Reverend Mr. Petrus Moens, Minister of the Divine Word at Aardenburg, or else to his attorneys or heirs, with 1820. –. the 19th of the same month 1780: 20,000 rupees, which were counted into the Honorable Company's treasury by the Jewish and Honorable Company's merchant David Rhabby, to be paid out again to the Gentlemen Pieter Spiering, Alderman of the City of Vlissingen, and Levinus Moens, bookseller at Middelburg, together or each in particular, or else to their attorneys or heirs, with 26,000: —. — the 20th of the same month 1780: 4000 rupees, which were counted into the Honorable Company's treasury by the Jewish merchant Samuel Abrahamsz, to be paid out again to the Gentlemen van de Perre and Meyners at Middelburg in Zeeland, together or each in particular, or else to their attorneys or heirs, with 5200: —. — the 21st of the same month 1780: 692:15 rupees, which were counted into the Honorable Company's treasury by the Jewish and Honorable Company's merchant David Rhabby, to be paid out again to the Gentlemen Tobias Boas and Abraham Simon Boas, merchants at The Hague, together or each in particular, or else to their attorneys or heirs, with 900: –. –. the 22nd of the same month 1780: 346: 7 rupees, which were counted into the Honorable Company's treasury by the Junior Merchant and Pay Bookkeeper Coenraad Gorge Seyffer, to be paid out again to the Gentlemen Wesling and Determeyer Wesling, merchants at Amsterdam, together or each in particular, or else to their attorneys or heirs, with 450: —. 9 Pieces of Assignments Together Rupees 43305:48: Granted as stated in the heading of this document, with ƒ 56296:13: 8: Cochin the 26th of September Anno 1780: AVBarn Examined. Jeremias Zeysig 9 8 2. Batavia To His High Honor, The Right Honorable and Highly Esteemed Lord Reinier De Klerk, Governor General and The Right Honorable Lords Councillors of the Dutch Indies. Right Honorable, Highly Esteemed, Far-commanding Lord, and Right Honorable Lords. The bearer of this, the ship Honkoop, arrived here on the 26th of January last from Surat, to deliver one lakh, or one hundred thousand rupees, in addition to 90 pieces of bunting cloth; which things we had requisitioned from the Surat ministers for the benefit of this settlement, and the authorities here have duly handed over. The aforementioned vessel we had to detain for a few more days, partly to go and lie off Aycotta, because just right before the arrival of that ship news had come here that vessels of the Nawab were ready to descend this way, although that rumor has since vanished and been found untrue; and partly also to make a sort of show for the native population, as if we had more than a single ship here, just as there have been two ships here for some time now, whereby we then also had the opportunity to discharge the ship Concordia completely of its further cargo in haste, with which we had hitherto only been able to proceed partially, since from time to time we had to have that ship come a bit closer from off Aycotta and keep its sails on the gaskets; meanwhile
Dutch transcription
gedateerd Groot 866: 13: 8: 7800: –. –. Lijste van de Assignaties die volgens de Jongste ordres bij patriase Missive van den 3=e April 1778: ingerigt, en onder de temeldene datums alhier op Nederland twee voudig verleend zijn aan de tenoeme„ „ne persoonen voor de door dezelve in sEcomp: Kassa getelde Capitaalen met dies 1/13. op„ „geld dat is 13 1/3. p:r C=to afkorting van de geheel„ „lijk in kassa getelde somma dan wel an„ „ders de souratse silvere ropias van 30. Jndia„ „se stuijvers gereekend tegens 26: dito stuij„ „vers ider teweeten: den 3=e 7ber: 1780 rog. 1'0'000.- - die in 's Ecomp.s kassa geteld zijn, door den Joods koopman Samuel Abrahamsz, om aan de Heeren van de Perre en Meijners te Middelburg in Zeeland, tesamen, of ider in 't bijsonder dan wel derselver gemagtigdens of Erven weder uijtgekeert te werden met - - - - - - ƒ 13'000:–. –. . d=o 1780: „ 6000: —. die in 's Ecomp:s kassa geteld zijn door gem: Joods koopman, om aan boven gemelde Heeren invoegen als Even, weder uijtgekeerd tewerden, met - -- - „ 18=e d=o 1780: „ 666:32: — die in 's Ecomp=s kassa geteld zijn, door den wel Edelen Groot Achtbaaren Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van Neder¬ „lands Jndia, mitsgaders Gouverneur en Direk „teur der kuste Mallabaar, om aan den WelEd: Gestr: Heer Ewout van Haeften schout bij Nacht van wegens den staat onder het Resort van 't Edelmogende Collegie ter admiraliteijt op de Maase te Delft, dan wel desselfs gemagtigdens of Erven weder uijtgekeerd te werden, met „ 18: d=o 1780: „ 200:—. die in 's Ecomp. s Kassa geteld zijn, door welmel „de Heer Gouverneur, om aan Mejuff=w Clara Gertruij Mitternach, weduwe wijlen den Heer Cornelis Crouwel te Harmelen in de provintie van Utrecht, dan wel derselven gemagtigdens of Erven weder uijtgekeerd te werden met - - - - „ 260: —: —: 4. Assignatis Rop. 168632. Die Transporteere, met - - - - - . ƒ 21926:13: 8. Gedateerd 4. Assignaties Rop. s 16866: 32: P„r Transport met - - - - - - - ƒ 21926: 13. 8. Groot den 19=' xber: 1780: „ 9. Stuks Assignaties 1400: —. die in 's Ecomp. s kassa geteld zijn, door wel „melde Heer Gouverneur, om aan den Eer= „waarden Heer Petrus Moens, Bedienaar des Goddelijken woords te Aardenburg, dan wel desselfs gemagtigdens of Erven weder uijtgekeerd te werden met „ 19: d=o 1780: „ 20'000: —. die in 's EComp. s kassa geteld zijn, door den Joods- en 's Ecomp. s koopman David Rhabbij, om aan de Heeren Pieter Spiering scheepen der Stad Vlissingen, en Levinus Moens boekhandelaar te Middelburg, te samen of ider in 't bijsonder, dan wel derzelver Gemagtigdens of Erven„ weder uijtgekeerd te werden met — „ 26000: —. — „ 20: d=o 1780: „ 4000: —. die in 's Ecomp.:s kassa geteld zijn, door den Joods koopman Samuel Abrahamsz, om aan de Heeren van de Perre, en Meijners te Middelburg in Zeeland te samen of ider in 't bijsonder dan wel derselver gemagtigdens of Erven, weder uijtgekeerd te werden met - - „ 5200: —. — „ 21: d=o 1780: „ 692:15. — die in sEcomp. s Kassa geteld sijn door den Joods, en S Ecomp. s koopman David Rhabbij, om aan de Heeren Tobias Boas, en Abraham Simon Boas, kooplieden te 's Hage, tesamen of ider in't bijson der, dan wel derselver gemagtigdens of Erven weder uijtgekeerd te werden met 1 - — „ „ 22: d=o 1780: „ 346: 7: die in 's EComp.:s kassa geteld zijn, door den on„ „derkoopman en zoldij boekhouder Coenraad Gorge Seijffer, om aan de Heeren Wesling, en Determeijer Wesling kooplieden te Amsterdam, tesamen of ider in't bijsonder dan wel derselver gemagtigdens of Erven, weder uijtgekeerd te werden, met - - - „ 450: —. Sesamen Rop s. 43305:48: Verleend Gelijk in den hoofde deeses ver= ƒ 56296:13: 8: „meld staat met Cochim den 26=e September Anno 1780:— AVBarn 900: „ 1820. –. na Gesien. Jeremias zeijsig 9 8 2. Batavia Aan zijn Hoog Edelheijd, Den Hoog Edelen Groot Agtbaaren Heer Reinier De Klerk, Gouverneur Generaal De Wel Edele Heeren Raaden van Nederlands India. d Hoog Edele, Groot Agtb:, Wijdgebiedende Heere. en Wel Edele Heeren. Brenger deser, het schip Honkoop, is den 26. ' Ianuarij Joleeden van Souratta hier aangekomen, om aftegeven Een lak, ofte Hondert duijsend Ropias, benevens 90: pees vlaggedoeken; welk een en ander wij ten behoeve van dit Comptoir, van de souratse ministers hadden Gerequireert, en de over, „heeden en „heeden hier behoorlijk hebben overgelevert. voormelde bodem hebben wij nog eenige da„ „gen moeten aanhouden, deels om voor Aijkotta te gaan leggen, om dat Juijst effen voor de komst vant dat schip hier tijding was ge„ „komen, dat er vaartuigens van den Nabab klaar stonden om dit heen af tezakken, schoon dat Gerugt zedert verdweenen en onwaar bevonden is, en anderdeels ook om voor den Inlander een soort van vertooninge te maken, als of we hier meer als een enkeld schip hadden, ge„ „lijk nu eenigen tijd herwaards hier twee scheepen Geweest zijn, en waar door wij dan teffens Gelegentheijd hadden, om het schip de Concordia, nog in der haast van zijn verdere ladinge geheel te ontlossen waarmeede we tot dus verre maar gedeeltelijk hadden kunnen voortgaan vermits we dat schip nu en dan van voor Aijkotta maar eens wat nader hebben moeten laaten komen en zijn zeijlen op stootgaarn doen houden, intusschen
English
meanwhile to unload some cargo and to be able to sail northwards again at the first signal from Nijkotta. In the meantime, we have had the opportunity to engage 32 Moorish sepoys in the service, who have accepted to serve the Company for one year and have been placed aboard the bearer of this, the muster roll of whom is enclosed herewith. The Ensign Iohan Fredrik van Slijken has for some time past been troubled with delirium, to such an extent that one has not been able to entrust him with any guard or command. One has humored this for some time in the hope of recovery, but we do not see that he will recover in the Malabar climate, and we therefore let him depart thither with this vessel, at the disposal of Your High Excellencies; it may be that the climate of Batavia will be better for him and that he will recover, which would truly be very pleasing to us, because he is a good officer who, as long as he was in his right mind, conducted himself praiseworthily and acquired a good knowledge of the military through long service in the war in Europe. We cannot refrain from giving him this testimonial and recommending him most favorably to Your High Excellencies, letting his closed pay-account accompany this in the enclosed pay-packet. Furthermore, there is enclosed herewith a list and duplicate of an assignment, amounting to 726 Rupias, paid into the Company’s treasury by the second mate on the ship Honkoop, Fredrik Willem van Schindeler, to be paid out again there to him in person upon his arrival at Batavia, or else to his authorized representatives or heirs, in new milled ducatoons 26 19/0. We most humbly request that this bill of exchange may be honored with payment. We hereby also present to Your High Excellencies a packet with our duplicate letter Batavia letter of the 2nd of January past, with the annexes belonging thereto. Wherewith we have the honor to remain with the utmost respect and high esteem, [below was written] High Noble, Highly Respected, Far-ruling Gentlemen, Honorable Gentlemen, Your High Excellencies’ humble and obedient servants, [was signed] A: Moens, R: v: Harn, P: I: Englert, S: C: Saffin, C: J: Seijffer, A: S: S: Vernede, W: V: Haesten, and I: A: Daimichen. [in margin] Cochin the 13th of February Anno 1780. [lower] P.S. Enclosed is an expense account for what was supplied to this vessel, amounting to ƒ 263: 11: 8. To the same as before. The private Dutch ship De Hercules having appeared in the roadstead of Cochin on the 29th of this month, coming from Muscat and bound for Batavia, we therefore avail ourselves of this opportunity to present to Your High Excellencies High Excellencies a provisional requisition of merchandise and necessities for the upcoming shipping season, which requisition we thought we should send off now, because the ship Concordia will apparently arrive quite late at Batavia, as the Tuticorin officials have requested us on behalf of the Ceylon ministers to dispatch the aforementioned ship to the Punnaikayal roadstead in order to take in a cargo of rice there and transport it to Ceylon, and the Ceylon ministers have also requested us to let that ship call at Ceylon in order to take in coir there for Batavia; both of which requests we shall then fulfill upon the departure of that vessel in the beginning of the month of May, or even earlier if the circumstances of the time permit it, and let that keel head for the Punnaikayal roadstead to convey rice from there to Ceylon, when the Ceylon administration can make use of it for the transport of the coir to the main place in the Indies. We The consumption during the last five years, averaged out: The consumption during the course of the latest book-year: The consumption since 1 September to the date hereof: The remainder on the date hereof: New requisition: We let the requisition follow below in accordance with the order. Merchandise 17189 lb: Cloves — 2790 — 47270 — 40000 lb: Cloves 49911½ lb: — 14609½ — 8909 — 7976 — 25000 lb: Nutmegs 1000½ lb: — 2116½ — 8 pouck. — — 30 suckels Mace 79800 lb: — 100000 — 100000 — 2000 — lb: Japanese copper in bars 142591 lb: — 5000 — 2000 — 50000 lb: Tin 1065 lb: — 473½ — 475 — — 50000 lb: Red Dutch, which can be disposed of here at ƒ14:16:— per 100 lb. 1750488 lb: — 368250 — 364960 — 1682720 — 5000 piculs powdered sugar, or as much more as the ship’s hold will allow, of the sort brought here last year per the ship Mentor. Sugar candy to be excused, on account of the large remainders among the merchants. 37933 — 372 — 163 — 750 — 2 chests of double Bengal armozeens of various, but mostly red colors, which can be disposed of here at ƒ 21: 12: — to 24:—. Warehouse Necessities 8033 — 9802 — 398 — — 200 single bundles of rattan of 50 pieces The consumption during the last five years, averaged out: The consumption during the course of the latest book-year: The consumption since 1 September to the date hereof: The remainder on the date hereof: New requisition: 6000 lb: nails, let the consumption in the domestic establishment of which be: 14308 lb: — 12948 — 14319 — 9802 — 3000 lb: spike irons 500 lb: shot 800 lb: thin single 1000 lb: thick double 200 lb: 5-inch 500 lb: 6-inch 1 piece small balance to weigh 25 lb, urgently needed 2 pieces large balances to weigh 500 lb. 100 lb: Lampher crape Printed Books 18 pieces grammar books 18 pieces Steps of Youth 24 pieces A-B-C booklets — — — — 24 pieces A-B-C boards 24 pieces prize books assorted, such as are distributed at Batavia as diligentia prizes among the schoolchildren Presentation Goods 8 ounces oil of nutmeg 10 — 10 — 20 — 20 — 8 ditto of mace 10 — 89½ 12/9 — 1 72 ditto Writing [illegible] — 20 — — — 10 — — — — — — — — — — — — — 10 — 10 — 110 — 1 — — — — — — — — — — — —
Dutch transcription
intusschen wat te lossen en op het eerste zeyn. van Nijkotta weder noordwaarts te kunnen Zeijlen. Intusschen hebben wij nog gelegent„ „heijd gehad om 32: koppen moorse zewaa„ „rende in den dienst te engageeren welke aangenoomen hebben de Comp: een Jaar te dienen en op brenger dezer zijn ge„ „plaatst, waar van de naam rolle hier nevens legt. Den Waandrig Iohan Fredrik van Slijken is al Eenigen tijd herwaarts gequelt geweest met ijl„ „hoofdigheijd, zodanig dat men hem geene wagt of Commando heeft kunnen aanvertrouwen men heeft hit Eenigen tijd ingesien, op hoof van beterschap, maer wij zien niet, dat hij in het mal„ „labaars Climaat zal herstelt raaken, en laaten hem daarom met deesen bodem derwaarts ver„ „trekken, ter dispositie van uw Hoog Edelheid=s mogelijk dat het Batavias Climaat beeter voor hem is, en hij herstelt raakt, dat ons waarlijk zeer aangenaam zoude zijn, om dat hij een braaf officier is, die zoo lange hy bij zijn volkomen verstand verstand is, geweest zig loffelijk gedragen en goede kennisse heeft van het militaire verkreegen, door lange Diensten in den oorlog in Europa; wij kunnen niet af, hem dit getuijgenisse te ge„ „ven en hem Uw Hoog Edelheed=s ten besten te Recommandeeren, laatende zijn afgesloote zoldij Reekeninge, in het bij gevoegd soldij pacquet, deeser versellen. wijders is desen bijgevoegd een lijst en dup„ „plicaat van Een. Assignatie, groot Ropias 726:, door den onderstuuerman op het schrip Honkoop Fredrik Willem van Schindeler in sComp=s Cassa geteld, om aan hem zelfs bij zijn arrive„ „ment of Batavia, dan wel desselfs gemagtig„ „dens of te Erven, aldaar weder uijtgekeert te „worden met nieuwe gecartelde ducatons 26 19/0: wij versoeken nedrigst, dat dese wessel met betalinge mag werden gehonoreert Wij biiden Uw Hoog Edelheds hier nevens nog aan, een pacquet met onse duplicaat mis„ „sive Batavia „sive van den 2: Janu: Joleeden, met de daar bij behoorende bijlaagen. Waar meede ons de Eere geeen, van met de uijtterste eerbied en hoog agtinge te blijven /onderstond/ Hoog Edele, Groot Agtb:) wijdgebieden„ „de Heere, in: Wel Edele Heeren, Uw Hoog Edelheed „dens onderdanige en Gehoorsame Dienaaren /was getekend/ A: Moens, R: v: Harn, P: I: Englert, S: C: Saffin, C: J: Seijffer, A: S: S: Vernede, W: V: Haesten, en I: A: Daimichen, /in margine/ Cochim den 13: feb: A:o 1780 /:lager / P: S: Hier nevens een onkost Reek: van het verstrekte aan dese bodem groot ƒ 263: 11: 8:— Aan als vooren Het particulier Hollands schip De Hercu„ „les, den 29: deeses ter Cochimse Rheede ver„ „scheenen zijnde, koomende van Musquette en de wilhebbende na Batavia, zoo bedienen wij ons van deese geleegentheijd, om vi Hoog Edelheedens Edelheedens aantebieden een provisioneelen Eijsch, van koopmanschappen en benodigtheeden voor de aanstaande openvaart, welken Eijsch wij vermeent hebben, nu te moeten laaten afgaan, om dat apparent het schip Concordia vrij laat op Batavia zal aankoomen, alzoo de Tutucorijnse bediendens ons uijt naam van de Ceijlonse ministers versogt hebben het voorm: schip na de Ponnecailse rheede te depecheeren, om daar een lading rijst inte „neemen en na Ceijlon overtebrengen, en de Cei„ „lonse ministers ons ook hebben versogt, dat schip Ceijlon te laaten aangieren, om aldaar caier voor Batavia inteneemen, aant welke beijde versoeken wij dan, bij vertrek van dien bodem, in het begin van de maand Maij, of selfe eerder, zoo de tijds omstandigheiden het toelaaten, zullen voldoen, en dien Kiel na de Lonnecailse rheede laten stevenen om van daar rijst na Ceijlon overtebrengen, wan „neer het Ceijlons ministerie daar van kan gebruik maken tot versending van de Caier na de Jndiase hoofd plaatse. wij den vertier in de den verteer ge den vertier laatste vijf Jaaren duurende den sedert p=mo loop van 't Jong 7ber: tot door den anderen gesloagen 17189. ste bock Jaar dato dezes Wij laaten volgens de ordre den Eijsch hier onder volgen. het zes. Nieuwen lant onder Eijsch dato dezes Koopmanschappen 2790 — 47270- 40000 - lb: Garioffel Nagulen 49911½ 14609½. 8909. — 7976. — — — 25000. — „ Nooten Musschaaten 30 - zouckels foelij of Macis 1000½ lb: 2116½ pouck. 8. — — — 79800 - 100000 — 100000. — 2000 - lb: koper Japans in slaaven 142591.— 5000. - 2000 - 50000 - „ thin — 1065 — 50000 - „ rood. hollands, het geene hier a 473½ 475 — ƒ14:16:— de 100: ed: van de hand te setten is. 1750488 – 368250 – 364960– 5000 - Cann: zuijker poeder, of so veel 1682720 — meer als de scheeps ruijmte toe„ „laaten sal, van de soort ao pass=o per 't schip Mentor alhier aan„ „gebragt. suijker Candij te oxcuseeren, wegens de groote restanten bij de kooplieden. 2: - kassen armosijnen dubbelde ben„ „gaals van diverse, dog meest roode coleur, die alhier â ƒ 21: 12: —. tot 24: van de hand te zetten zijn. 37933 372 — 163 — 750 — Pakhuijs Behoeftens 200: — Enk: bossen rottings van 50: stcks 8033 — 9802 lb: „ 398 — door den anderen loop van 't geslagen den verlierende den vertierge den vertier het res Nieuwen laatste vijf Jaaren duurende den sedert p=mo tant onder Eijsch dato dezes 7ber: tot jongste boekjaar dato dezes 6000 lb: spijkers lat Consumaptie in de huijs„ 14308. ƒ 12948 14319 — 9802 „houding daar van 3000 - lb: las ijzers 500 - „ schot 800 - „ dunne Enkelde 1000 – „ dikke dubbelde 200 - „ 5: d=ms 500 : „ 6: _=o 1 - p=s kleene balans om 25: lb: te weegen hoog nodig 2 p„s groote balancen om 500: lb: te wegen. 100 — @b Lampher floers Gedrukte Boeken 18 — p=s letter konsten. 18 — „ trappen der Jeugd 24 - „ A: B: c: boekjes, — — — — 24 — „ A: B: C: bordjes 24. —. „ prijs boekjes in zoort, zo als deselve op Batavia tot premia diligentie, wor„ „den uijtgedeeld onder de schoolieren Schenkagie Goederen 8 oncen nooten olij 10 — „ 10 — 20 – 20 — 10 - 89½ Schrijf 12/9. —„ 1 72 —— —. 20 — — — 10 — — — —. — —:— —. — — — — — 10 — 10 — 110 — 1 — — — — — — — — — „ —„ —— 8. _=o foelij d=o
English
Writing and Bookbinding Consumption in the Consumption during the Consumption Remainder New last five years, average, during the course of the latest from 1st under date Demand calculated book year 174 7/9 to this date September of this — in 3 Years 8½ 63 — 8— 11¼ 10 — — 1/8. 10 — — — 2 – 2 — — — 44 2/5. 45 —. — — tools 5 5/38 40 — Reams large format Paper ditto 4 19/20 45. ditto small 1 1/32 1. lb cut pencil and red earth 93- 96 - — - 49 - 100 - bundles quill shafts 63 - — — 76½ 60 - lb Gallnuts 11½. — — 10¼ 12 - copperas — — 50 - pieces paint brushes 2 - 1. Cyphering slates 4- 12 - ditto Slate pencils — — 2 - reams imperial paper. 3 - —. — 3 - 6 - pieces sharpening stones 21½ 21½ — - 10½ 20 - Gum — 3/10 — — — — — ½ ream blue waste ditto Paints Miscellaneous 600 - 500 - lb white lead — - 194. — 100 - small barrels lampblack 25 — 25- lb Spanish green 8 - 25 - red minium Provisions 48 —. —: — 84 - 200. -. bottles sack wine if possible in half bottles 4 - 3 — barrels Dutch meat 4½ 3 — ditto bacon 2 1/8. 5. — butter Frisian 7 — — — 219 —. 128 — 549½ 163¾ 64 — 38½ 1. 1 7/16 — — 33— —— —— —— —— 1/10 3 — —½ —— — — — — —— — — 4. l: 9¾ 7— 6½ 3½ 6 — — — 6— —— Consumption in the Consumption during the The remainder last five years, course of the under date average, most recent book of this calculated year 1778 in 4 Years 6 — 964. — New Demand 17¼ 20 — 30 — 34 — 105 — 22 — For the Smith's Shop 600 -. lb sheet copper, as follows: 300: lb red 200: yellow 100: Cotton 702¾. 833. 6 — 12 — 130 — — — 40 — 43 — 26. 28 — For the Armory 48. - pieces drum straps — - 48 - bundles drum strings 24½ - 6 - 50. - pieces chamois leather — — 48 — drum hoops 15 - 25 - skins Russia leather for making cartridge pouches 48 - pieces drum skins 90 - — — 48 - drum cords 5 — — — 6 — copper drums 10 - 15 — 25 - lb Copper wire 12 - emery 150 — 545 - 200 — pieces lantern horns —: — — — 200 — cutlass and sword hilts 25 - lb iron wire 100 – pieces iron ramrods 4 –. leaguers Cape white wine 2 - ditto ditto red wine — — 1000: - lb Cotton yarn Javanese 35976: 3 2 — 563— 1000 — 2 — 4— 2— —— 63 — 4. ditto 10 — 6. — 60 — 50 — 6 — — — — — 6 — 21 — Consumption Consumption in the last during the course five years, average, of the most recent calculated book year 17 3/9 176¼ 11½ The remainder New under Demand date of this 35032. 29994: — 35000 - lb iron for Consumption in the household, thereof: 6000: - lb gun carriage 2000: — square 1¼ inches 3000:— ditto 1— inches 4000: — ditto —¾ inches 20000: — narrow flat 6 - lb mineral borax 40 - hoeds smithing coal, which also, pursuant to their High Excellencies' Highly Honored order, from Ceylon are requested. 200: - lb iron lock plates double 1 - 4 - pieces cooper's axes 6 - ditto hewing knives 1 - 4 - augers 2 — — - 4 notches with their blocks 1414 - 400 - - 500 - flat lead 200: — 1— For the Rigging Yard 7 - 20 - barrels pitch 18 - 11 - 25 - Rolls grey cloth 8¼ 10 7/8. 10 - broad canvas Dutch 59½ 42 2/5 30 - Sailcloth 156 — — — 150 - lb Sail yarn 17½ 11:- 12 - pieces heavy iron hawsers 3 - 9 - wheel hawsers 200 - lb Soot 80. — 16¾ 8 — 247 - 553 — 964 — 509½ 1 — 30 — 35 35976 — 6— 33 1 2. — 2 1 — — — 7½ 24½ 5 — 3¼ 113 Consumption in the last five years, average, calculated year 178 6001. — 8. — 11— 2 3/2. 19 6½ 23 — — — — 3/8. 3. — 2 — 33 — 5. — 21¾ 75 - 114- 30¾ 10 — 2¾. 11 1/8. — 1/25 lb 163 — 2 — For the Cooper's Shop 7000: - lb hoop iron in kinds, to be counted 93864. 4651– 4000: - lb whole leaguers 1000: — half leaguers 1000:— whole aams 1000: — half ditto —½ together 40 — 20 — 10. — 2½ 4 — 8 – bundles under date Demand of this during the course of the book Consumption The Remainder New 2 /40 4 - pieces boltropes 12 - 2. - old sails, course sails or topsail sails — 5/8 2 - old rope, urgently needed 11 — 24 — skeins marline 24 – houseline 2 – pieces Cable ropes of 11 inches 1 — Dutch warp - - 7 inches 1. - shrouds ditto - 7 inches 4½. 8½ 6. - lead lines 4. — hides pump leather 40 — ditto Tar 2 – pieces Binnacle Compasses 50 — Tar Brushes 100 - lb gunpowder —5/8. 2 - ditto ditto - - - 6 inches 10¾. 17 - 15. - barrels pitch 10 — hides buoy leather 20 - pieces lines assorted Dutch from 9 to 15 yarns 100 - lb green soap 4 - pieces grindstones of 5 to 6 feet 6. — Sail plates 18 — for 1: — 3 — 1½ 7 – bundles bundles — 1. — 1½ 3 1 — 2. — 1½ 25½ 1: — 5 — 15¾ Names 2 — 6 — 6 — For the Artillery A consumption in the last during the five years, load of the most average, recent book calculated year of this in 1 Year 2. in 1 Year 2- in 1 Year 15— under date Consumption The remainder New Demand — - 2 - pieces brass mortars of 8 inches 6 - ditto Cannons 6 lb 100. – bombs of 5½ inches for a mortar here in stock 1 – piece new calibrating stick 8 - bullet moulds new from 1 to 18 lbs 2 - copper adzes 25 - Cannon or gun drills 6 Copper Powder Lanterns 1500 — lb fine gunpowder. 18441 96000 — —— 44 - 44 — 5. 12. 21211:— —— For the Ship Carpenter's Yard 6 pieces spars of 6 palms thick 6- caulking irons assorted. For the Timber Yard 1 – piece grindstone of 4 feet 21 - 34 - 20 - drill bits assorted 1 - Copper compass of 9 inches — — — — 2 — iron mast compasses 4 – riveting chambers — Various medicines and oils according to Catalogue, For the conveyance of the one and the other two ships will be needed, the one ship request 17 5/79 /89 2. ƒ —— — —— — — — 2— 15:- 2— — 1 —. — 6. 1— —— Demand
Dutch transcription
Schriff en Boekbinders den vertier inde den verlier gen den vertier tat reslante Niceuren laatste vijf Jaaren duurendeden sedert p=mo onder dato door den anderen loep van de Jonste 7ber bt da„ deezes — Eijsch gesloogen boekjaar 174 /9 to dekes in 3: Jaren 8½ 63 — 8— 11¼ 10 — — 1/8. 10 — — — 2 – 2 — — — 44 2/5. 45 —. — — gereedschappen 5 5/38 40 — Riemen groot formaat Papire _o 4 19/20 45. _=o kleen 1 1/32 1. lb: gesneeden potlood en rood aarde 93- 96 - — - 49 - 100 - bossen penneschagten 63 - — — 76½ 60 - lb: Galnooten 11½. — — 10¼ 12 - „ kooperrood — — 50 - p=s verf quasten 2 - 1. „ Ceijffer leijen 4- 12 - „ d=o Griften — — 2 - riemen imperiaal papier. 3 - —. — 3 - 6 - p=s slijpsteentjes 21½ 21½ — - 10½ 20 - „ Gom — 3/10 — — — — — ½ riem blauw klad d=o Verwen Diverse 600 - 500 - lb: lood wit — - 194. — 100 - tonnetjes swartzel 25 — 25- lb: spaans groen 8 - 25 - „ roode meenij Provisien 48 —. —: — 84 - 200. -. bottels zecq wijn zoo 't mogelijk zijn in halve bott=s 4 - 3 — vaten vleesch hollands 4½ 3 — _=o spek 2 1/8. 5. — „ boter vriese 7 — — — 219 —. 128 — 549½ 163¾ 64 — 38½ 1. 1 7/16 — — 33— —— —— —— —— 1/10 3 — —½ —— — — — — —— — — 4. l: 9¾ 7— 6½ 3½ 6 — — — 6— —— den vetier inde den vertier ge Het res duurende den tant on laatste vijf Jaaren loep van het door den anderen Jongste boek geslaagen Jaar 1778 in 4: Jaren 6 — 964. — Nieuwen Eysch der dato. deses 17¼ 20 — 30 — 34 — 105 — 22 — Voor de Smits Winkel 600 -. lb: plaat kooper als 300: lb: rood 200: „ geel 100: „ Cattoen 702¾. 833. 6 — 12 — 130 — — — 40 — 43 — 26. 28 — Voor de Wapenkamer 48. - p„s trom reepen — - 48 - bossen tromsnaaren 24½ - 6 - 50. - p=s zeemleer — — 48 — „ trom hoepels 15 - 25 - vellen Jugtleer hot maaken van pattroon tassen 48 - p=s trom vellen 90 - — — 48 - „ „ lijnen 5 — — — 6 — „ koopere trommels 10 - 15 — 25 - lb: Rooperdraad 12 - „ ameril 150 — 545 - 200 — p=s lanthaarnhoorns —: — — — 200 — „ houwers en degens greepen 25 - lb: ijzerdraad 100 – p=s ijzer laadstokken 4 –. leggers Caabse witte wijn 2 - _=o d=o roode wijn — — 1000: - lb: Cattoen gaaren Javaas 35976: 3 2 — 563— 1000 — 2 — 4— 2— —— 63 — „ 4. d=o 10 — 6. — 60 — 50 — 6 — — — — — 6 — 21 — den vertier den verteer in de laatsten geduurende vijf Jaaren door den loep van den anderen 't Jongste boek gesloagen Jaar 17 3/9 176¼ 11½ het restant Nieuwen onder Eijsch dato der„ zes 35032. 29994: —„ 35000 - lb: ijzer tot Conseumptie in de huijshouding daar van 6000: - lb: affuijts 2000: — „ vierkant 1¼: d=ms 3000:— „ _=o 1:— „ 4000: — „ _=o —¾ „ 20000: — „ smal plat 6 - lb: miner borax 40 - hoeden smeekoolen, welke ook, ingevolge haar hoog Edelheedens Hoog g'Eerde ordre, van Ceijlon g' Eijscht zijn. 200: - lb: ijzer sloot platen dubb: 1 - 4 - p=s kuijpers baarsen 6 - „ _=o omhouwers 1 - 4 - „ kraam booren 2 — — - 4 „ kroosen met hun blokken 1414 - 400 - - 500 - „ plat lood 200: — 1— Voor de Equipagie werff 7 - 20 - vaten harpuijs 18 - 11 - 25 - Rollen Grauwdoek 8¼ 10 7/8. 10 - „ breed Everdoek hollands 59½ 42 2/5 30 - „ Zeijldoek 156 — — — 150 - lb: Zeijlgaren 17½ 11:- 12 - p=s swaare ijzere trossen 3 - 9 - „ wiel trossen 200 - lb Roets 80. — 16¾ 8 — 247 - 553 — 964 — 509½ 1 — 30 — 35 35976 — 6— 33 1 2. — 2 1 — — „ — 7½ 24½ 5 — 3¼ 113 den vertier in de laatste vijff d' Jaaren door den anderen geslagen Jaar 178 6001. — 8. — 11— 2 3/2. 19 6½ 23 — — — — 3/8. 3. — 2 — 33 — 5. — 21¾ 75 - 114- 30¾ 10 — 2¾. 11 1/8. — 1/25 lb 163 — 2 — Voor de Kuijbers winkel 7000: - lb: hoop ijser in soort, teeveelen 93864. 4651– 4000: - lb: heele leggers 1000: — „ halve „ 1000:— „ heele aams 1000: — „ halve d=o —½ samen 40 — 20 — 10. — 2½ 4 — 8 – bossen onder dato Eijsch deses ged: den loop van het boek Den verthier Het PRest= Nieuwen 2 /40 4 - p=s lijk trossen 12 - 2. - „ oude zeijlen groote, of mars zeijls — 5/8 2 - „ oude touw, hoog nodig 11 — 24 — strengen martijnen 24 – „ huijsing 2 – p=s Cabel touwen van 11: d=m 1 — „ reep hollands - - „ 7: „ 1. - „ wand d=o - „ 7: „ 4½. 8½ 6. - „ lood-lijnen 4. — huijden pompleer 40 — _=o Theer 2 – p=s Nagt huijs Compassen 50 — „ Theer Quasten 100 - lb: kruijt —5/8. 2 - „ d=o d=o - - - „ 6: „ 10¾. 17 - 15. - vaten pick 10 — huijden boeijleer 20 - p=s lijnen insoort hollands van 9: tot 15: gaarens 100 - lb: groene zeep 4 - p=s slijp steenen van 5: a 6: voeten 6. — „ Zeijl plaaten 18 — voor 1: — 3 — 1½ 7 – bossen bossen — 1. — 1½ 3 1 — 2. — 1½ 25½ 1: — 5 — 15¾ Namen 2 — 6 — 6 — Voor de Arthillerije een verteer in de laetste geduurenden vijf Jaaren den last door den anderen van't Jongsten boek Jaar deezes geslagen in 1: Jaar 2. in 1: Jeer 2- in 1: Jaar 15— onder dato den verteer Hetreskant Nieuwen l — - 2 - p„s metaale mortiers van 8: d=m den 6 - „ _=o Canons „ 6: lb: 100. – „ bommen van 5:½ d=m tot een alhier in voorraad zijnde mortier 1 – p=s nieuwe Caal stok 8 - „ koegel mnallen nieuwe van 1: tot 18: lb=s 2 - „ koopere dissels 25 - „ Canon of schut booren 6 „ Koopere Kruijt Lanthaarns 1500 — lb fijn bussruijd. 18441 „ 96000 — —— 44 - 44 — 5. 12. 21211:— —— Voor de scheeps Timmerwerff 6 p.s spieren van 6: palm dik 6- „ Calvaat ijzers insoorten. Voor de Houtthuijn 1 – p=s slijpsteen van 4: voeten 21 - 34 - 20 - „ boor ijzers insoorten 1 - „ Kooper passer van 9: d=m — — — — 2 — „ ijzere mast passers 4 – „ klink kamers —„ Diverse medikamenten en olijteijten volgens Cattoalo„ „que, Tot den overvoer van het een en ander zullen twee scheepen benoodigen, het eene schip versoeken 17 5/79 /89 2. ƒ —„— — —— — —„ —„ 2— 15:- 2— — 1 —. — 6. 1— —— Eijsch
English
we request that it may be dispatched from there so early that it can be here with the opening of the upcoming favorable monsoon, in order to be placed alongside and together with our snow and small ship before the reef of Cranganore, to prevent the maritime undertakings of the Nabob. With the aforementioned ship, we send to the disposition of Your High Excellencies to Batavia a corps of sepoys of 56 heads on the first plan, with their full weapons, among which is also counted a European sergeant as drillmaster of the same. The nominal roll thereof we send accompanying this, wherein is noted their earning wages and up to what extent these have been disbursed to them here; for the rations provided for these sepoys to Skipper Haverkamp for the journey, as well as for fifty leaguers of drinking water for those troops, for which five full and fifty half leaguers were issued from stock here, the account comes to the amount of ƒ 2547:7: 1. —, and we request that those casks may be taken over at Batavia for the service of the Company. We respectfully enclose herewith the duplicate of our last humble missive of the 13th of February past, and have the honor to remain with the utmost respect and high esteem. Underneath stood: High Noble, Grand Respected, Wide-Ruling Lords, and Well Noble Lords; Your High Excellencies' humble and obedient servants. Was signed: A: Moens, R: v: Harn, J: G: Englert, P: C: Saffin, I: L: v: Spall, C: G: Seijser, A: D: S: Verniede, W: v: Haesten, and I: A: Dainecken. In the margin: Cochin, the 31st of March Anno 1780. P: S: Furthermore, enclosed herewith goes a separate package from the first signatory, addressed to Your High Excellencies. To the same as before. Transmission of a triplicate letter dated 31 March past. Receipt of Your High Excellencies' duplicate missive of 24 September 1779. Departure of Concordia via Ceylon to Batavia. Upon further writing from Colombo, Concordia now departs for Galle. Our last respectful letters of the 31st of March past, the original of which was sent via the private Dutch ship De Hercules, and the duplicate via the Dutch private grab De Snelheijd, we hope have already been delivered to Your High Excellencies; we nevertheless let the triplicate thereof accompany this. Through the delivery by the Ceylon ministers, there reached our hands on the 6th of March past the duplicate of Your High Excellencies' honored General Missive dated the 24th of September of the past year, with the annexes belonging thereto. The sailing season now coming to an end, and, according to reports received, the Nabob's fleet having steered to the north to be laid up in the harbor of Mangalore, we let the bearer of this, the ship Concordia, return via Ceylon to Batavia. We did state in our last letter of the 31st of March that we would have this vessel steer to Lonnicail at the request of the Ceylon ministers, but since then those ministers have informed us in a further letter that they feared that the return voyage of this ship might be delayed all too much by the trip to Lonnicail, and that they had therefore decided rather to desist from that, and have the rice delivered to Galle by native craft, and requested us to send the ship Concordia directly to Galle, to which we are now complying. In which resolution the findings on the discharged cargo of the Concordia are inserted. Ten unserviceable leaguers and some leaked medicines have been written off. Some round shot has deviated in caliber and been found unserviceable. Those deviated to 8 lb have been retained here, but the others are being sent back. The findings on the discharged cargo of the said ship are inserted in our resolution now being sent over, dated the 25th of March past, the merchandise having all been properly accounted for. Of the leaguers in which the arrack was contained, ten leaguers had their staves pressed in and some staves burst and were thus found unserviceable, which we have passed for write-off, likewise also some medicines that were found leaked out and spoiled. Among the brought round shot, there were found upon delivery among that of 12 lb caliber: 558 pieces deviated to 11 lb caliber, of which one piece is unserviceable, 5 ditto deviated to 10 lb, 3 deviated to 8 lb, and among the round shot of 4 lb caliber, 6 pieces were found unserviceable. The 3 pieces deviated to 8 lb we have had transferred to that caliber, but those deviated to 11 and 10 lb, of which caliber of cannon there is none here and which are thus not usable here, we send back to Batavia with the bearer of this, together with the unserviceable ones; the cargo of this ship consisting of the following. The cargo of the bearer of this is: 40 — lb Cardamom seeds - - - - ƒ 108 —. — charges on loading and unloading at 2 percent on ƒ 410: 4: — is — ƒ 8. 4: — Sum ƒ 439. 18. — 2784 — lb dust and rubble of spices in 25 chests - - - - - - - - - ƒ —: —: — 1 piece kedge anchor weighing — 1020 lb - - - - - ƒ —. — — 1 piece boat grapnel unserviceable - - - - - ƒ —. —. — 1 piece anvil - - - - - - - - - - ƒ —. —. — 2 cases with various unserviceable tools marked No. 1 and 2 - - - - - - - - - - ƒ —. —. — 1 piece metal weight of 50 lb - - - - - - - - - - - - ƒ 21. 10. — 563 pieces round shot of 12 lb - - - - - - - - - - - ƒ 298: 1: — 6 pieces round shot of 4 lb - - - - - - - - - - ƒ 3. — — ƒ 111. — - - - - - - - - - - ƒ 1. 3 — ƒ 249. 4. — The
Dutch transcription
versoeken wij, dat zoo vroeg van daar mog wer„ „den gedepecheert, dat het met het opengaan der aanstaande Goede mousson hier kan zijn, om met en benevens onse snauw en smalschip voor het rief van Cranganoor te werden gelegt, om de on„ „derneemingen der Nababse, over Zee, te belet„ „ten. Met het voormelte schip zenden wij tor dis„ „positie van uw Hoog Edelheedens na Batavia een Corps Sipaijs van 56: koppen primo Plan met hunne volle wapenen, waar onder ook gereekent een Europees sergeant als Drilmeester derzelve, de Naam rolle daar van, laaten wij deesen versellen, waar bij genoteert staat hunne winnende Gagie en tot hoe verre die hier aan hen is verstrekt; van de Rand „soenen voor deese sipaijs aan schipper Havr „kamp voor de reijse verstrekt, als meede van vijfflig leggers drinkwater voor die Trou „pes, waar toe hier uijt voorraad afgegeven zijn vijff heele en vijftig halve leggers, komt de aanreekening, groot ƒ 2547:7: 1. —. over en wij versoeken, dat die vaatwerken te bata „via Batavia via ten dienste van de Comp: mogen werden over„ „genoomen. wij voegen hier in eerbied bij het duplicaat van onse laaste nedrige missive van den 13. feb: pleeden, en geven ons de eere van met de uijtterste eerbied en hoog agtinge te blijven Con„ „derstond:/ Hoog Edele, groot Agtb: wijdgebiedende Heere, en Wel Edele Heeren; uu Hoog Edelhee„ „dens onderdanige en gehoorsaame Dienaren /was getekend/ A: Moeus, R: v: Harn, J: G: Englert, P: C: Saffin, I: L: v: Spall, C: g: seijser, A: D: S: Verniede, W: v: Haesten, en I: A: Dainecken /in margine / Cochim den 31: Maart Ao 1780 (lger/ P: S: Nog gaat in deezen geslooten over, een apart pakketje door den Eerstgeteekende aan vw Hoog Edelheed„s Gericht, Aan als vooren Onse laaste Eerbiedige letteren van den 31: Maart J=oleeden in origineel, per 't particulier hollands schip De Hercu, „les overzending van een Triplicaat brief de dato 31: Maart Jo leeden ontfangst van haar hoog Edelheedens duplicaat missive van den 24:' 7ber 1779 vertrek van Concordia over Ceilon na batavia op nader schrijvens van Colombo ver„ trekt thans Concordia na gale „les, en in duplo per de hollandse particu„ „liere Goerap, De snelheijd afgesonden, hoo„ „pen wij, dat reets bij uw Hoog Edelheedens zullen zijn bestelt; wij laaten egter het Tri„ „plicaat daar van deesen versellen. Door bestellinge der Ceijlonse ministers is ons op den 6: maart Jongst leeden, aan handen gekomen het duplicaat van va Hoog Edelheedens g'Eerde Generaale missive in dato 24: zeptember Anno passato, met de bijlagen daar bij behoorende. Den vaarbaaren tijd thans op het eijnde lopende, en, volgens ingekomen berigten, 's na„ „babs vloot na de noord gestevent zijnde, om in de haven van Mangaloor opgelegd te wer„ „den, laaten wij brenger deeser, het schip Con„ cordia, over Ceilon na Batavia te rug keeren. Wij hebben bij onse laaste van den 31: Maart wil gesegd, deesen bodem, op het versoek der Ceijlonse ministers, na Lonnicail te zullen laaten steevenen, maer zedert hebben die ministers ons bij nader schrijvens te ken„ Kint „nen de uijtgeleverde lading van concordia g'insereert is. Thien onbekwaam gewordene leg„ minten zijn afgeschreeven Eenige rondscherp zijn verloopen en onbe keaam bevonden „nen gegeven, dat ze bedugt waaren, dat de te rug reijse van det schip door het togtje naar Lonnicail, al te zeer mogt vertraagt werden, en dat ze daarom beslooten hadden liever daar van aftezien, en de Rijst met vaartuijgen na Gale laaten besorgen, en ons versogt, het schip Concordia direct na gale te zenden, waar aan wij thans vol„ „doen. De Bevinding op de uijt geleverde La„ Jn welke Resolutie de bevinding van„ding van gemelde schip, is geinsereert in onse thans overkomende Resolutie van den 25. maart Jongst leeden, zijnde de han„ „del wharen alle wel verantwoord. van de Leggers, waar in de arrak is „pes en enge uigtselopen messie, beslooten geweest, zijn thien leggert de duij„ „gen ingedrukt en eenige duijgen gespron„ „gen en dus onbequaam bevonden, welke wij ter afschrijvinge hebben gepasseert, insgelijks ook eenige medicamenten, die uijt„ „geloopen en bedorven bevonden zijn. Onder het aangebragte Rond scherp: zijn bij uijtlevering, onder dat van 12: lb: Cali„ „ber de verloopene tot 8: lb: zijn hier aange houden, maar d'andere werden te rug ge sonden „ber bevonden. 558: stuks verloopen tot 11: lb: Caliber en waar van een p=s onbeq=m 5: d=o verloopen tot 10: lb: verloopen tot 8: „ 3: „ en onder het rondscherp van 4: lb: Caliber zijn 6: pees onbequaam, bevonden. De verloopene 3: stux tot 8: lb: hebben wij tot dat Caliber laaten overschrijven, dog ele tot 11: en 10: lb: ver„ „loopene, hoedanigen Caliber van Canon hier nieti en welke dus hier niet te gebruijken zijn, zenden wij, met de onbequame, met brenger deeser na Ba„ „tavia te rug, bestaande de Lading van dit schip in het volgende. de lading van brenger des is 40: — lb: Sem: Cardamoms - - - - ƒ 108 —. — ongelden- p=s 563 — 2784 — lb: stof en Gruijs van specerijen in 25: kisten - - - - - - - - - „ —: —: — 1. – p=s werp anker sevaer — 1020: lb - – – – - - - - - ƒ—. — — schuijts dreg. - - - - - Conbeq - - - - - - „ — 1 — „ 1 — „ ambeeld - - - - - - - - - - - 2 - kassen met diverse onbequame gereetschappen ge„ merkt N=o 1: en 2: - - - - - - - - - - wegens lossen en laden a 2: percento op ƒ 410: 4:—. is — metaale gewigt van 50: lb: - - - - - - - - - - - - . . „ 21. 10. —: Rondscherp van 12: lb: - - - - - - - - - - - ƒ 298: 1: — Somma 6 — „- „ 8. 4: — - -. ƒ 439. 18. — -- . -„ – - - - - – – – – – - - - - „ 3. – – ƒ 111.– „ 4: „ - - - - - - - - - - „ 1. 3 — „ 249. 4. — De - „ - — — „ —
English
The provisions supplied to this ship The provisions made to Concordia in which resolution to find Reasons why some goods were supplied to the same out of the ordinary The ship the Ganges has transported to Ceylon 1054113 lb of pepper and 214 corgies of cow hides supplied, can be seen in our Resolution of the 29th of April of last year, to which we respectfully refer, only noting here that among them, what may be considered out of the ordinary is the supply of 6 pieces of bunting, 1 barrel of tar, and 12 lb of sail yarn; we have had these provisions made, both because this vessel has now already been away from Batavia for seven months, and was only provisioned for eight months, and with the return voyage will be out longer than eight months, as well as because this ship has been employed here as a cruiser, and therefore has had to use the flag more than would otherwise be the case. In our humble letter of the 2nd of January last, we brought to Your High Excellencies' notice that the ship De Ganges had arrived here from Ceylon in order to carry a cargo of pepper over to Ceylon, and that that vessel was at that time still loading; in pursuance Could take over the merchandise per the Concordia, because they were busy selling off the previous year's parcel of this, we note in this regard that that vessel, instead of the demanded 900000 lb, has taken in 1054113 lb of pepper, and 214 corgies of cow hides, and therewith set sail on the aforementioned 5th of January from Porca to Gale. Regarding the Sale of Trade Goods brought, the merchants have not yet: we hoped in our last of the 2nd of January last to be able to report to Your High Excellencies now to what extent we would be able to dispose of the merchandise recently brought by the Concordia, but we have not yet been able to induce the merchants to purchase the same, and there has absolutely been no opportunity to dispose of the same in any other manner; we all are convinced and are aware that the merchants during this trading season up to the present day even had trouble getting their own money back for the recently purchased parcels, and therefore had virtually no profit on them, except for what but have taken over all the Japanese bar copper for the previous year's price and promised to take over the remaining articles as well request for two ships for the coming year little they might have gained from the bartering, trusting, and risking of the same; nevertheless, they have taken over the bar copper for the same price as last year, but regarding the remaining articles promised that they would indeed take them, though not being able to conclude the agreement yet before they should in the meantime first have inquired what prospects trade will have for the following year; and since the good monsoon has now ended anyway, we have neither been able nor allowed to force this any further, but rather left it to take its course, as last year. Furthermore, since the remainder of the sugar, both of the Company and of the merchants, is not as large now as last year, and we now also again request two ships from Your High Excellencies, because we are apprehensive that if next year again only one ship should come, the same would not be sufficient to keep the Nabob's power at sea in check and respect, regarding which the first signatory, in his separate letter of the 31st to be sent may be of the sort that the Mentor brought here last year now is on that purchase of sugar of March, had the honor to confer further with Your High Excellencies, we have And that the sugar that closed with the Demand designated such sugar as was brought last year with the Mentor, at the special request of the Bomberasses and the merchants, because that sugar was uncommonly white, and the merchants thereby had the opportunity to dispose of the Jakatran sugar, brought at that same time with the Concordia, which did not have that whiteness by far, by mixing them together; for although the Jakatran sugar, even if it is somewhat brown or not entirely white, is nevertheless generally preferred in quality, because because the preference of the Bomberasses the Bomberasses have nevertheless now so much set their preference on the Javanese, that they have openly declared to the merchants that they would now much rather have completely white Javanese than ordinary Jakatran, and requested that this time surely nothing other than such sugar might be sent, as was brought with the Mentor, which, as we recall, was Japaran; and the Company's merchants have expressly requested us that we would urge this upon Your High Excellencies most strongly, since the Bomberasses, known as an obstinate people who allow nothing to be argued out of their heads, are nevertheless in any case the principal buyers of the sugar here, who ought to be satisfied in this regard; to which is also added that the Javanese sugar is also cheaper at purchase than the Jakatran; we therefore most urgently request that Your High Excellencies may be pleased to give favorable consideration to the request of the Bomberasses and the merchants, whereby a service would be rendered to these people, and the latter would then also have a better opportunity than otherwise to dispose of the recent parcel of sugar, which they will also have to take after all and which in fact is somewhat brown, by mixing it together
Dutch transcription
De verstrekkingen aan dit schip de verstrekkingen aan Concodia gedaan in welke resolutie te vinden Redenen waarom eenige goederen buijten gewoon aan het zelve zijn verstreke Het schip de ganges heeft na Ceilon vervoert 1054113: lb peper en 214: drges te hijden gedaan, zijn te zien bij onse Resolutie van den 29: April J=o leeden, waar aan wij ons reverentelijk gedragen, alleen hier noteerende, dat daar onder, als buijten gewoon kan werden aangemerkt, het verstrekken van 6: p=s vlaggedoeken, 1: vat theer, en 12: lb: zeijlgaaren; deese verstrekkinge hebben wij laaten doen, zoo om dat deesen bodem nu al seven maanden van Batavia is geweest, en maar voor agt maanden is voorsien geweest„ en met de te rug reijse langer als oijt maan„ „den zal uijt zijn, als ook om dat dit schip tot een kruijsser hier is geemploijeert, en dies de vlagge meer, als andersints, heeft moeten gebruijken. Bij onse nedrige van den 2: Janu: Jongst leeden, hebben wij Uw Hoog Edelheedens ter kennisse gebragt, dat het schip De ganges hier van Ceilon was aangekomen, om een lading, pe„ „per na Ceijlon overtebrengen, en dat dien bo„ „dem als toen nog in het laaden lag, ten ver„ „volge De koopmanschappen per de Concordia kunnen overneemen, om dat zet besig waa„ ren de voorsarije parthij uijteverkoopen „volge van dien noteeren wij in deesen, dat dien bodem, in stede van de g'eijschte 900'000: lb, 1054113: lb: peper, en 214: Corgies koehuijden ingenomen heeft, en daar meede den 5: Janu: voormeld, van Porca na gale is gestevent. Nopens den Verkoop van Handel Wha„ aangebragt hebben de kooplieden nog niet: ren, hoopten wij bij onse laatste van den 2: Ianu: Jongst leeden, Uw Hoog Edelheedens nu te zullen kunnen opgeern, hoe verre we de Koopmanschappen, Jongst per de Concordia aangebragt, zoude kunnen van de hand zetten„ dog we hebben de kooplieden nog niet kun„ „nen beweegen, om deselve aanteslaan, en volstrekt is er geen gelegentheijd geweest, om deselve op een ander wijse van de hand te zetten; wij alle zijn overtuijgd en dragen kennisse, dat de kooplieden geduurende dee„ „sen handel tijd tot heeden toe, zelfs werks gehad hebben, om voor de Jongst gekogte par„ „thijen, hun eijge geld te krijgen, en er dies genoegzaamt geen winst op gehad, als het geen maar al het Japans staafhoper hebben de overgenoomen voor de voorjaarige prijs en beloofd de overige articulen ook te zullen overnamen versoek om twee scheepen voor het aan „staande Jaar geen de troucqueeren, fieeren en resigueeren van deselve, mogten gewonnen hebben, egter hebbense het staafkoper overgenomen voor deselfde prijs van verleede Jaar dog nopens de overige artikulen beloofd deselve ook wel te zullen verneemen, maar het accoord nog niet te konnen sluijten voor datze zig in„ „tusschen eerst zoude g'informeert hebben, wat uijtzigt de handel tegens het volgende Jaar zal hebben, en dewijl de goede mousson tog nu g'eijndigt is, zoo hebben wij dit niet verder kunnen nog mogen forceeren, maar liever op zijn beloop gelaaten, gelijk verleede Jaar. Dan dewijl het Restant der zuijker zoo van de Compagnie, als van de Kooplieden, nu zoo groot niet is; als verleede Jaar, en wij ook nu wederom van Uee Hoog Edelheedens twee scheepen versoeken, om dat we bedugd zijn, dat indien aanstaande Iaar weder maar een schip mogt komen, het zelve niet toerijkende zoude zijn om 's Nababs magt ter zee en respect te houden, waar omtrent de eerstgeteekende bij zijn aparte van den 31 te werden mag wesen van de soort als de mentor: verleden Jaar hier heeft aangebragt thans is op die kooft van zuijker 31: maart, de eere gehad heeft uu Hoog Edel„ „heedens nader te onderhouden, zoo hebben wij En dat de zuijker die overgesonden sloot bij de Eijsch zulke zuijker bekent gestelt, als verleede Iaar met de Mentor aangebragt is, op het speciaal versoek van de Bom„ „berassen en de kooplieden, om dat die zuijker ongemeen wet is geweest, en de kooplieden daar door gelegentheijd gehad hebben, om de Takatrase zuijker, te dier zelver tijd met de Concordia aangebragt, die op verre na die witheijd niet had, door elkander van de hand te zetten, want alhoewel de Takatrase zuijker, het zij die al eens wat bruijn, of niet heel wit, zij, egter in deugd doorgaans geprefereert word, zoo om dat de verkiesing der bombarassen hebben de bomberassen evenwel thans hunne verkiesinge op de Javase zoo zeer laaten vallen; dat ze aan de koop„ „lieden zonduijt verklaard hebben, nu veel liever heele witte Iavase als ordinaire Jakatrase te willen hebben, en versogt dat er tog ditmaal niet anders als zulke zuijker mogt gesonden worden, gelijk met de de Mentor aangebragt is, die, zoo ons voorstaat, Iaparase geweest is, en sCompag„ nis Kooplieden hebben ons wel speciaal versogt, dat wij Uw Hoog Edelheedens zulx tog op het kragtigste zouden voordragen, dewijl de bomberassen, bekent voor een eij„ „gen-zennig volk, dat zig niets uijt het hoofd laat praaten, tog in allen gevalle hier de voornaamste kopers van de zuijker zijn, dewelke men in dit opzigh diende genoe„ „gen te geven, waer bij ook komt, dat de 4 Javase zuijker bij inkoop ook goed koper is, als de Sakatrase, wij versoeken der„ „halven zeer Instantig dat uw Hoog Edel„ „heedens, op het versoek van de Bombe„ „rassen en de kooplieden, een gunstig re„ „flectie gelieven te slaan, waar door dese lieden dienst zoude geschieden, en de laatste dan ook beeter als anders gelegentheijd zoude hebben, om de Jongst parthij zuijker die ze tog ook zullen moeten neemen en in der daad wat bruijn is, door elkander aan den man te
English
And trade is thereby to attain good progress. The merchants have settled part of the remainder. Poor success regarding the procurement of Surat cloths, of which samples were delivered to the bombocadas, to help. We intend herewith the greatest service of the Company, and the good progress of trade here, and therefore we have found ourselves obligated so strongly to request this of Your Right Honourables, and furthermore we dare assure Your Right Honourables that we shall on our part do everything that is ever possible and dependent upon human industry in order to advance trade. The merchants have discharged a part of their debt mentioned in the aforesaid missive, and have promised to settle the remainder as soon as it shall be in any way possible for them; we have not the least reason to doubt the effect thereof, yet we must presently grant them credit and postponement. To our regret we cannot yet give Your Right Honourables any advantageous report concerning the Surat cloths, which we looked forward to with the bombadas according to our missive of 2 January. The people who took samples along for trial have indeed arrived here since, but brought no cloths along. These persons are not owners of the vessels on which they sail, but are in the service of merchants residing in the lands situated north of Suratta. Our merchants gave them the sample cloths to hand over to their masters, and wrote to them to deliver such cloths with their vessels to Cochim. These returned people now say that they delivered the cloths and letters, and also that their masters wrote about this to their agents in Suratta; but that they do not know what answer came from them, because their masters told them nothing in that regard, nor wrote to this place. It seems, therefore, that this matter is accompanied by quite a few difficulties, which however One shall nevertheless attempt to overcome the difficulties attached to it. The procurement of cardamom has been impossible on account of this high price. will by no means cause us distress, but we shall employ all our devoirs, if it is possible, to bring about the conveyance of those cloths to this place, or at least to make a trial thereof. Under the section of Products, we noted in our general missive of 2 January of this year that the Gentlemen Masters required of us as much Cardamom as could be obtained, provided that it is kept in mind that the pound fetches no more than 5 to 6 guilders in the Netherlands, and whereby we promised to employ all devoirs to obtain a quantity at the lowest market prices. Accordingly, we have also employed all means to procure a quantity at acceptable prices, but all our effort has been in vain; this ware How much less than this was offered here without being able to obtain it. The mortgaged ship of Adij Ragia was sold for 12450 Rops. ware is at present so high in price that one must be hesitant to make purchases thereof. For a sample, of only a barely acceptable sort, which we had sent for from Calicoet through our merchants, we offered 55 stuyvers per pound, but were nevertheless not permitted to have it; and we dared not go further, because this ware still incurs much expense with repacking, in chests and linen, and there is also a loss in weight, all of which calculated together must certainly cause that no acceptable profit can remain for the Company. According to what was noted in the aforementioned general missive under the section of Outstanding Debts, the sale of the mortgaged ship of the late Aelij Ragia took place on 19 January last, when is dissatisfied and strives in vain to get it back. The surplus yielded above 9000 Rops is now credited to Batavia. when the ship with all its appurtenances, including also some materials collected for the repair of the ship, fetched 12450 Ropias, of which a record was kept in our resolution of 17 February following. Notice of this sale was at once given to the Bibi of Cananoor, and she was dunned for the satisfaction of the remaining debt; but she seems to be dissatisfied with the sale of the ship, and having not believed that it would come to that, she now makes frivolous exceptions to regain it and have it repaired, to which we think we should not pay attention. The surplus yielded above the 9000 Ropias, which on account of this ship were paid to the heirs of the late Right Honourable Mr. Senff, we resolved on the same day to have credited to Batavia, at the honoured disposal of Your Right Honourables, as is now done by the accompanying invoice.
Dutch transcription
En den handel daer do e goden voortgang staat te erlangen de kooplieden hebben een gedeelte van resteerende ook voldaen slegt sulces nopens de besorging der souratse kleeden waar van de monsters aan de bomkodas zijn ofgegeven te helpen wij bedoelen hier meede den meesten dienst van de Compagnie, en den goeden voortgang van den handel alhier, en derhal„ „ven hebben wij ons verpligt gevonden, vre Hoog Edelheedens hier om zoo zeer te ver„ „soeken, en voorts durven wij Uw Hoog Edel„ „heedens verseekeren, dat wij aan onse zijde al„ „les doen zullen, wat maar immers moge„ „lijk en van de menschelijke indristrie af„ „hangelijk is, om den handel te bevorderen. De Kooplieden hebben van hunnen debet„ hunnen schuld afgelegt en zullen het bij voorschreeven missier vermelt; reeds een gedeelte afgelegt, en beloofd; het resteerende te voldoen, zo dra hun maar eenigsints moge„ „lijk zal zijn; wij hebben geene de minste reedenen om aan het Effect daar van te twijffelen, dog Credit en uijtstel moeten we hun tans geven; Tot ons leediweesen kunnen wij vre Hoog Edelheedens nog geen voordeelig berigt geven nopens de souratse Kleeden, die wij met de bombedassen, volgens onse missive van van den 2: Ianuarij pleeden te gemoet zagen; de menschen, die monsters ter preuve heb„ „ben meede genomen, zijn hier zedert wel aangekomen, maar hebben geene kleeden meede gebragt; deese bieden zijn geen eijgenaars van de vaartuijgen, waar op ze vaaren, maar in dienst van kooplieden, in de landen benoorden souratta gelegen, ge„ „seeten; onse kooplieden hebben hun de monster kleeden, meede gegeven om aan hunne heeren overtegeven, en deselve aangeschree„ „ven, om zodanige kleeden met hunne vaar„ „tuijgen op Cochim te besorgen, deese te rug gekomene lieden zeggen nu, dat ze de kleeden en brieven hebben bestelt, en ook hunne heeren, daar over, aan hunne zaak- bezorgers te souratta, hebben geschreeven; maar dat ze niet weeten wat antwoord van deselve gekomen is, om dat hunne heeren hun derwegens niets hebben gesegt; en ook niet na herwaarts geschreeven, het schijnt dus dat deese zaak met vrij veel moeijelijkheeden verselt gaat, welke wij ons men zal egter tragten de moeijelijkheeden daar aan verkhuiyt te boven te komen de besorgeng van Cordamom is ondernlijk gewoest om deese hoogen plijs ons egter geensints zullen laaten verdrieten maar alle onse devoiren aanwenden, om„ indien het mogelijk is, den aanbreng van die kleeden na herwaarts aan de gang te brengen, ten minsten een preuwve daar van te nemen. Onder het Hoofd deel van Roducten, hebben wij, bij onse gene„ „raale missive van den 2: Januarij deses Jaars, Genoteert, dat de heeren Majores van ons hebben gerequireert zoo veel. Cardamom als te bekomen zoude zijn, mits in het oog houdende, dat het pond in nederland niet meer dan 5: a 6: gulden komt te behaalen, en waar bij wij belofte hebben gedaan, alle devoiren te zullen aanwenden, om een quantiteijt voor de minste markts prijzen te bemagtigen, vol„ „gens dien, hebben wij ook alle middelen te werk gestelt, om een quantiteijt voor aanneemlijke prijsen te bekomen, maar alle onse moeijte is vrugteloos geweest, dase whaar hoer veel min vor't e: daer van m hier heeft gebooden zonder te kunnen orlangen het veronderpand schip van Adij Ra„ gia es verkogt voor 12450. Rop=s whaar is thans zoo hoog in prijs, dat men beschroomt moet zijn, daar van in koop te doen; op een monster, maar Effentjes accep„ „tabele zoort, dat wij van Calicoet hadden laaten komen, door middel van onse koop„ „lieden, hebben wij 55: stuijv=s voor het pond gebooden, maar die egter niet mogen hebben en verder hebben wij niet durven gaan, dewijl op deese whaar nog veel onkosten loopen met het afpakken, aan kisten en linnen, en 'er ook min wigt op valt, welk alles tezamen gereekent seekerlijk moeste veroorsaaken, dat er geen aanneemlijke winst voor de Compagnie kan overschie„ „ten. volgens het genoteerde bij voormelte generaale missiee onder het Hoofddeel van uijtstaande Schulden, heeft den verkoop van het veronderpande schip van wijlen Aelij Ragia, den 19: Iann: Jongstleeden, zijnen voortgang Gehad, wan„ „neer te onvreede en tragt vrugteloos het zelve weder te krygen o Het meerder gerendeerde als g000 Rop=s werd thans Batavia ten goede gebragt „neer het schip met al zijn toebehooren, daar onder ook begreepen eenige materia„ „len tot de reparatie van het schip verga „dert, behaalt heeft 12450: Ropias, waar van bij onse resolutie van den 17=e feb: daar aan, aanteekeninge is gehouden, van deesen verkoop is ten Eersten kennisse ge„ „geven aan de Bibi van Cananoor en de „selve om de voldoening van de resteerende schuld de Bebij van Cananoor schijnt daar over aangemaant, maar zij schijnd te onereeden te zijn over den verkoop van het schip, en niet geloofd hebbende dat het er toe komen zoude, maakt nu frivole excepties, om het weeder te erlangen en te laten repareeren dog waar aan we meenen ons niet te moeten stooren. het meerder gerendeerde, als de 9000: Ropias, die wegens dit schip aan de erfgenamen van wijlen den wel Edelen Heer Seuff zijn afgelangd; hebben wij ten zelven dage beslooten Batavia ten Goede te laaten brengen, ter g'Eerde dispositie van UE Hoog Edelheedens, zoo als thans bij de nevensgaande faktuur Een of werd Een
English
was done: Concerning financial matters, the remittance of three bills of exchange to be paid at Batavia, we humbly submit herewith to Your High Noblenesses a list of three bills of exchange, namely: One amounting to Rps. 2452:—. counted here into the Company's treasury by the junior merchant Ian Lambertus van Spall, and the surgeon Daniel van der Sloot, to be repaid to Mr. Johannes Christoffel Schultz, advocate and first vendue master, and Daniel Adrianus Beekman, secretary of the Bench of Aldermen at Batavia, or to their attorneys or heirs, in milled ducatoons 882 3/32, or ƒ2912: 19: 8. One amounting to Rps. 16000:—. counted into the Company's treasury by the skipper Evert Wessling, commanding the Company's ship De Concordia, to be repaid to himself, or to his attorneys or heirs, in milled ducatoons 5760:— or ƒ19008:—. —. One The trade and pay ledgers are transmitted together with the findings on the trade ledgers of Cochin from 1773/6. A formal demand for merchandise and necessities for the upcoming open season is transmitted. One amounting to Rps. 2400: —. counted into the treasury here by the chief surgeon of the Company's ship De Concordia named Iohan Samuel Fredrik Schiffel, to be repaid to himself at Batavia, or to his attorneys or heirs, in milled ducatoons 864: or ƒ2851: 4:—. We most humbly request that Your High Noblenesses will please honor these bills with payment. With this vessel we dispatch to Your High Noblenesses our Trade and Pay Ledgers for the past financial year of anno 1778/9; the findings on the Trade Ledgers of this office for the financial year 1773/6, together with the duplicate of the general missive of 24 September 1779 received here, are returned herewith answered. We humbly submit herewith to Your High Noblenesses our formal Demand for Merchandise and Necessities details of the said Demand Noblenesses, the consumption on average during the last five years, the consumption during the course of the most recent ledger of the year 1778/9, the consumption since primo September to this date, the remainder, new demand under this date. Merchandise 37933. — 491½ 2790. - 47270- 4000 —. lb. cloves —. — 25000. — nutmegs 14609½ 8909 - 7976 — 1883 1½50 216: bundles 8— - 30 - packages of mace 142591– 79800. – 166000 - 34000- 200000 - lb. Japanese copper in bars —. — — — 2000. - 50000 - tin 5000. — 1065. - 50000 - Dutch lead, which can be disposed of here at ƒ 14:16:—: per 100 lb. 8033 — 473½ 475. — 1682720. 1750488-–. 388250 - 364960- 3000 - canassers of powdered sugar, or as much more as the ship's hold will permit, of the sort brought here last year by the ship Mentor. Sugar candy, to be excused, on account of the large stock remaining with the merchants. 2.- chests of double Bengal armozeen of diverse, but mostly red color, which can be disposed of here at ƒ 21: 12:—. to 24:—. 398 — Warehouse Requirements Average consumption over the last five years, consumption during the course of the most recent financial year 1778/9, consumption since primo September to this date, remainder, new demand under this date. 398 — 200 — single bundles of rattan of 50 pieces. 750 — 163 372 - 6000 - lb. nails for household consumption, 9802 „ 14319 - 14308 . 12948 – thereof: 3000: lb. flat-headed nails 500: shot 800: thin single 1000: thick double 200: 5-inch 500: 6-ditto 1 - small balance to weigh 25 lb. 2 - large balances to weigh 500 lb. ditto 100 — lb. camphor baroos Printed Books 18 – grammars 18 - Steps of Youth 24 — A.B.C. books 18 — A.B.C. boards 24 — assorted prize books, such as are distributed at Batavia among the school pupils as prizes for diligence. Gifts 6 - ounces oil of nutmeg 8 — ditto oil of mace Stationery and Bookbinding Tools 40 — reams large-format paper 20 — — —. —. — 10— 10. — 10 —„ 10 – 10 — 20 – 20 – 20: — 10 — 110 89½ 38½ 44 2/5 1— 72 „ - — — — — — — —— 20 – 20 — — — — —„ — —— — — 33 — 5 1/30 bottles by last Average consumption over the last five years, consumption during the most recent financial year 1778/9, consumption since primo September to this date, remainder, new demand under this date. 44 2/5. 1 3/16. 17¼. 63 — 12 4 1/20 45 - reams small-format paper 11/32 1 lb. cut pencil and red earth 96 - 49 - 100 - bundles Dutch quills 63 - 76½. 69 - lb. gall nuts — — — — 50 — paintbrushes 2 - 2 - 1 slate pencil sets 2. reams imperial paper —: — — ½. ream blue waste paper 6 - small grindstones 11½ 10¼ 12 copperas 10 - 10 - 4 - 12 - slate styluses 21½ 21½ 10½ 20 - lb. gum Diverse Provisions 500 - lb. white lead 549½ 163¾ 600- 100 - small barrels of blacking 128 – 64 - 194 - 25 - lb. Spanish green 25- red lead in 3 years 8½ —. —. 25 — 6½ 3½ bottles 13 glasses 15 — 7 Provisions 48 - 84 - 200 - bottles of sack wine, if possible in half bottles 3 - barrels of Dutch meat 4— 6. - 4½ 3 - ditto bacon 6. — 2 7/8 5- ditto Frisian butter 4. - 2:- 4 - leaguers Cape white wine 2 - ditto ditto red wine 1000 - lb. Javanese cotton yarn 6 - cases of gin 2. — — 22 45. — 29 93 8— 2 — —½ — 1/8. — —. 3 — — 1/10. 3 — 3 — 3/10. 3. — 9¼. —. — 4-ditto 219— 7 3— 2— 563 - 1000 - 8 — Demand
Dutch transcription
werd gedaan: De Geld zaaken betreffende, avormaking van drie p=s assigneties om of batavia voldaan te werden bieden wij Uw Hoog Edelheedens hier ne„ „vens, in Eerbied aan, Eene lijst van Drie Assignaties, als Een Groot Rap„s 2452:—. door den onderkoopman Ian Lambertus van spall, en den Chirurgijn Daniel van der sloot, alhier in sCompagnies Cassa getelt, om aan M=r Johannes Christoffel Schultz, advocaat en Eerste venduemieester en Daniel Adrianus Beekman, secretaris van het Collegie van scheepenen te Batavia, dan wel derselver gemagtigdens of erven weeder uijtgekeert te werden met gecartelde Du„ „catons 882 3/32: of ƒ2912: 19: 8. Een groot Rap„s 16000:—. door den schipper Evert Wessling, voerende 's Compagnies schip De Concordia, in 's Comp=s Cassa geteld om aan hem zelfs, dan wel des„ selfs gemagtigdens of erven weeder uijtge„ keert te werden met gecartelde Ducatons 5760:— of ƒ19008:—. —. Een de nregote in soldijboeken gaan over Nevens de Bantevorde bevinding op de nep„ tie boeken van Cochim van af 17 7/b Een formeelen Eijsch van Coopmanschap„ „pen en benodischeeden voor de aanslaande operwaart paat over Een groot Rop:s 2400: —. door den opperchirurgijn van 'sCompagnies schip De Concordia in name Iohan Samuel fredrik Schiffel alhier in Cassa getelt, om aan hem selfs te Batavia, dan wel des„ „selfs Gemagtigdens of erven weeder uijtge„ „keert te werden met gecartelde ducatons 864: ofte ƒ2851: 4:—. wij versoeken nedrigst, dat uw Hoog Eden den ven laatst en ren „heedens deese wissels met betalinge gelie te honoreeren. Met deesen boodem zenden wij tot Uw Hoog Edelheedens over; onse Negotie in Zoldij Boeken van het afgelopen boekjaar van anno 1778/9: De Bevinding op de Negotie Boeken, van dit Comptoir van het boekJaar 177 3/6. met het duplicaat van de generaale missive van den 24: September 1779: hier ontvangen komt hier nevens beantwoord te rug. wij bieden Uw Hoog Edelheedens hier neevens in Eerbeid aan, onsen formeelen Eijsch van Koopmanschappen en benodigtheeden S indisten van den gem: Eijsch Edel, den vertier ende den vertier den vertier het reskant Nieuwen laatste vijf Jaa. geduurende sed=t primo ten door den den brp van 7ber: tot dato deeze anderen geslagen t mogste boek deeses pako 170 37933. — 491½ benodigtheeden voor de aanstaande openvaart„ en herhaalen ons versoek om een Compleete voldoening en dat de Poeder zuijker des moge„ „lijk, in Javase zuijker mag werden voldaan, of eijgentlijk zoo als verleede Jaer met de Men„ „tor Aangebragt is; den Eysch insereeren wij in deesen. onder dato Eijsch Koopmanschappen 2790. - 47270- 4000 —. lb Garioffel Nagulene —. — 25000. — „ nooten musschaaten 14609½ 8909 - 7976 — 1883 1½50 216: poutl:s 8— - 30 - soukels foelij, ofte macis 142591– 79800. – 166000 - 34000-200000 - lb: Kkoper Iapans in staven —. — — — 2000. - 50000 - „ Thin 5000. — 1065. - 50'000 - „ lood hollands, het geene hier a ƒ 14:16:—: 8033 — 473½ 475. — de 100: ld: van de hand tesetten is. 1682720. 1750488-–. 388250 - 364960- 3000 - kannassert suijker poeder of soo veel meer als de scheeps-ruijmte toelaaten zal, van de zoort ae passo per het schip Mentor al„ „hier aangebragt. suijker Caudij, te Excuseeren, we„ gens de groote restanten bij de kooplieden 2.- Kassen Armosijnen dubbelde bengaals van diverse, dog meest roode coleur, die al„ „hier a ƒ 21: 12:—. tot 24: van de hand tesetteer sijn. 398 — Pakhuijs Behoeftens anderen geslaagen Jaar 1779 398 — den vertierende den verteer den vertier het resant Nieuwen Eijsch laatste vijf Jaar geduurende sed=t primo onder dato „ren door den den loop van Hber tot dato deeses 't Jongste boek deeses 200 — Enk: bossen rotlings van 50: stuks. 750 — 163 372 - 6000 - lb: spijkers tot Consumptie in de huijshoueding 9802 „ 14319 - 14308 . 12948 – daar van 3000: lb: Lasijzers 500: „ schot 800: „ dunne Enkelde 1000: „ dikke dubbelde 200: „ 5: duijms 500: „ 6: d=o 1 - p=s kleene balansje om 23: lb: teweegen, hoo ma 2 - „ groote balancen om 500: lb: _=o 100 — lb Lampher floers Gedrukte Boeken 18 – p=s Letter Konsten 18 - „ Trappes der Jeugd 24 — „ A: B: c: boekjes 18 — „ A: B: c: bordjes „ prijs boekjes insoort, zoo als deselve 24 — op Batavia, tot praemia deligentie, worden uijtgedeeld onder de scholieren. Schinkagie Goederen 6 - oncen Noten olij 8 — _=o foelij olij Schrijf en Boekbinders Gereedschappen. 40 — riemen, groot formaat Papier 20 — — —. —. — 10— 10. — 10 —„ 10 – 10 — 20 – 20 – 20: — 10 — 110 89½ den 38½ 44 2/5 1— 72 „ - — — — — — — —— 20 – 20 — — — — —„ — —— — — 33 — 5 1/30 flesse door laatst den steeiende den verleed Hil nstant Nieuwen onder dato laatste vijf Jaaren geduurende door den ande denkofte boek deeses ren geslagen Jaal 173. 44 2/5. 1 3/16. 17¼. 63 — 12 4 1/20 45 - riemen kleen formaat papier 11/32 1 lb: gesneede potlood en roodaarde 96 - 49 - 100 - bossen Lennen schagten 63 - 76½. 69 - lb: Galnooten — — — — 50 — p=s verfquasten 2 - 2 - 1 „ Ceijffer zijen 2. riemen Jmperiaal Papier —: — — ½. riem Blauw klad papier 6 - p=s Slijpsteentjes 11½ 10¼ 12 „ Koperrood 10 - 10 - 4 - 12 - „ Ceijffer griften 21½ 21½ 10½ 20 - lb Gom Vereven diverse 500 - lb: Lootwil 549½ 163¾ 600- 100 - Tonnetjes swartsel 128 – 64 - 194 - 25 - lb: spaans groen 25- „ roode menij in 3. Jaaren 8½ —. —. 25 — 6½ 3½ flisspn 13 plops 15 — 7 Droorsien 48 - 84 - 200 - bott:s zecqwijn. zo mogelijk in halve bottels 3 - vaten vleesch 4— hollands 6. - 4½ 3 - d=o spek 6. — 2 /8 5- d=o boter vriese 4. - 2:- 4 - leggers Caabse witte wijn 2 - d=o d=o. roode wijn 1000 - lb Cattoen gaaren Javaas 6 - kelders Genever 2. — — 22 45. — 29 93 8— 2 — —½ — 1/8. — —. 3 — — 1/10. 3 — 3 — 3/10. 3. — 9¼. —. — „ 4: d=o 219— 7 3— 2— 563 - 1000 - „ 8 — Eijsch
English
For the Armory Consumption in the last five years on average | Consumption during the course of the latest book year 1739 | Balance remaining under date hereof | New Demand 964. — 18. — pieces Drum straps 48 - bundles Drum strings 50 – pieces Chamois leather 48 - pieces Drum hoops 25 - hides Russia leather for making cartridge pouches 48 - pieces Drum heads 48 — pieces Drum cords 6 - pieces Brass Drums 25 - lbs Brass wire 12 - lbs Emery 200. – pieces Lantern horns 200 — pieces Cutlass and sword Grips 25. – lbs Iron wire 100. – pieces Iron Ramrods 21 — 6 For the Smith's Shop 600:- lbs Sheet brass, viz. 300: lbs Red 200: lbs Yellow 100: lbs Latten 29994 — 35000. - lbs Iron for Consumption in the establishment, thereof 35032. — 6000. lbs Gun carriage iron 2000. lbs Square 1¼: inches 3000. lbs Ditto 1: — ditto 4000 lbs Ditto - - ¼: inches 20000: lbs Flat-narrow 35976. — 702¼. 858- 12 545. — 15. — 18 — 5. — 6 — 150— 60 — 90 — 30 — 28 - : 15 — 26 — 130— 34 — 43. — —. — 40. — 6. — —— 20 — 105 — 17¼. 24½ 22. — - —. —. pieces —. — pieces —— . 63. — 6. — pieces 4: 8. 10 — in 4: Years 6 — 50 — 6 —. — —. — Consumption in the last five years on average | Consumption during the course of the latest book year 1739 | Balance remaining under date hereof | New Demand 6: lbs Mineral borax 35 - 40. - chaldrons Smithing coal, which are also demanded in accordance with Your High Excellencies' Highly Honored order from Ceylon. 176¼ 509½. 200 - 200 - lbs Iron lock-plates double 964 - 1414 - 400 - 500: - lbs Sheet lead 4 - pieces Coopers' adzes 1 pieces Ditto clearing adzes 6 pieces 1. — 1. - 4- pieces Tap borers 2. - — 4- pieces Crowbars with their blocks For the Equipment Wharf 20. barrels Pitch - 7. — 16¾ 11½ 18. - 11. - 25 - rolls Gray cloth 7½ 8¼. 108. 10 - ditto broad Dutch Evercloth 21½ 59½. 42 2/5. 30 — ditto Sailcloth 80 — 156— — - 150. - lbs Sail twine 11. - 12 — pieces heavy iron hawsers 3¼. 8. - 3 - 9 - pieces wheel hawsers 113 — 247 - 555 - 200:-. lbs Soot 1 8 — 2 3/10 4 - pieces Bolt-rope lines 3 - 1 - 12 — 2 - pieces old sails, mainsails, or topsails. 1¾. 1½. — 3/8. 2. - pieces old Rope, highly necessary. 7. - bundles 8. – bundles 11:- 24: - strands Marline 9. — ditto 4. – ditto 11: - 24. — ditto Houseline —. — —. — 2. — pieces Cable ropes of 11: inches 1 - 1 — 1- pieces Rope Dutch of 7: ditto — 1/8. 2 3/12. 1. — pieces Shrouds ditto of 7: ditto 5. – 17½ 9. — 2. — 1 — 2 — 3 - —. — 2: 6— 33. — 30. — 6— 3— 1. — 2 — casks ditto 1. — 1 — Consumption in the last five years on average | Consumption during the course of the latest book year 1739 | Balance remaining under date hereof | New Demand in 1: Year 2: in 1: Year 2. — —. — 114 — — 3/8. 19— —½ long — 2/15. lbs 163 — For the Coopers' Shop 7000 - lbs Hoop iron assorted, to wit. 4000: lbs full Leagers, 1000. lbs half ditto, 1000: lbs full Aams, 1000. lbs half ditto For the Artillery. 2. — pieces Brass mortars, of 8: inches pieces Ditto Canons - - of 6: lbs pieces Bombs of 5½ inches for a mortar present here in stock 1 — pieces New Caliber gauge 8 — pieces Bullet moulds New from 1: to 18. lbs 2. — pieces Brass adzes 100 — 2:— 9786¼. 14651- 6001 — 20 — 10 — 5. — 10. — 1. — 33 75 5— 15¾ 21¼ 23 — 937 10% 17. — 2. 25½. 30¾ 10 — 2. – pieces Shrouds Dutch of 6: inches 8½ 6- pieces Lead lines 2¼ 11 7/8. 4 - hides Pump leather 15 - Barrels pitch 40 — ditto Tar 2. – pieces Binnacle compasses 50 – pieces Tar brushes 100 — lbs Chalk 6½ 10 - hides Buoy leather 20 — pieces Lines assorted Dutch of 9: to 13: thread 100 — lbs Green soap 4 — pieces Grindstones of 5: to 6: feet 6- pieces Sailmaker's palms Names —. — — —. — —. — —. – —. — — — — —. — 2. — — — 6 late the Consumption in the last five years on average | Consumption during the course of the latest book year 1739 | Balance remaining under date hereof | New Demand 44. - 25. - pieces Cannon or vent drills 6. pieces Brass powder Lanterns 12 — 21211 - 18441:- 96000. - 1500: — lbs fine gunpowder. For the Ship-Carpenters' Yard 6 — pieces Spars, of 6: palms thickness 6 - pieces Calking irons assorted For the Timber Yard 1. –. pieces Grindstone of 4: feet 21 — 34. — 20 — pieces Drill irons assorted 1. – pieces Brass compasses of 9 inches 2 - pieces Iron mast compasses 4 — pieces Riveting hammers. Various Medicines and oils according to Catalogue, in 1: Year 1 — 15 2— 5— 44. — 6— — 6— 1— —. — —. — 15 — 6 pieces By our humble letter of the 13th of February last, we respectfully brought to the knowledge of Your High Excellencies under the main section of the Domestic Orders, that the Surat ministers, at our request, have sent hither with the ship Honkoop, One Lakh, or 100,000: Surat Rupees; by our General Letter of the 2nd of January prior, we made it known in this regard that if Trade here succeeded as wished and we received sufficient Cash in hand, we would forward the said sum to Batavia; we must now note in continuation thereof, that Trade here has still succeeded quite well, but that most goods in the post-monsoon have been disposed of by the Company's Merchants in barter or exchange, through which the merchants have remained unable to provide so quickly as much Cash as was required for the settlement of the Accounts of Travancore and the establishment, there having already been paid from the aforesaid lakh to the King of Travancore upwards of 76000: Rupees, for the settlement of the pepper delivery, to which is also added that, the new delivery being already underway, His Highness has already made application in advance for an advance on the same of half a lakh, or more in
Dutch transcription
Voor de wapenkamer den vertier inde den vertier laatste vijf Jaa geduurende ren door den den loop van deesel 't Jongste boek anderen ge Jaar 1739 slagen 964. — onder dato Het restant Nieuwen Eijsch 18. — p=s Tromreepen 48 - bossen Tromsnaaren 50 – p=s zemlier 48 - „ Tromhoepels 25 - vellen Juchtleer tot maken van pattroontassen 48 - p=s Tromvellen 48 — „ Tromlijnen 6 - „ Kopere Trommels 25 - lb: Kopereraad 12 - „ Ameril 200. – „ Lanthaarnhoorns 200 — „ houwers en degens Greepen 25. – lb: ijserdraad 100. – p„s ijsere Laadstokken 21 — 6 Voor de Smits winkel 600:- lb: platkoper, als 300: lb: Rood Geel 200: „ 100: „ Lattoen 29994 — 35000. - lb: ijser tot Consumptie in de huijshouding daar van 35032. — 6000. lb: affuijts 2000. „ vierkant 1¼: d=ms 3000. „ _=o 1: — d=o 4000 „ - - „ - - -¼: „ 20000: „ smalplat 35976. — 702¼. 858- 12 545. — 15. — 18 — 5. — 6 — 150— 60 — 90 — 30 — 28 - : 15 — 26 — 130— 34 — 43. — —. — 40. — 6. — —— 20 — 105 — 17¼. 24½ 22. — - —. —. „ —. — „ —— . 63. — 6. — „ 4: 8. 10 — in 4: Jaren 6 — 50 — 6 —. — —. — den vertier Het restant Nieuwen den vertier in de laatste vijf geduurende onder dato Eijsch Jaren door den den loop van deeses anderen geslap t Jengste boek Jaar 1789. 6: lb: minar borac 35 - 40. - hoeden smeekoolen, welke ook ingevolge haar hog Edelhe=s Hoog G'eerde ordre van Ceilon g'Eijscht zijn. 176¼ 509½. 200 - 200 - lb ijser slootplaaten dubbelde platlood 4 - p=s Kuijpers baarsen 1 _=o omhouwers 6 „ 1. — 1. - 4- „ Kraanbooren 2. - — 4- „ Kroosen met hun blokken Voor de Equipagie werff 20. vaten Harpuijs - 7. — 16¾ 11½ 18. - 11. - 25 - rollen Grauwdoek 7½ 8¼. 108. 10 - d=o breed Everdoek Hollands 21½ 59½. 42 2/5. 30 — d=o Zeijldoek 80 — 156— — - 150. - lb. Zeijlgaaren 11. - 12 — p=s swaare ijsere trossen 3¼. 8. - 3 - 9 - „ wieltrossen 113 — 247 - 555 - 200:-. lb. roeth 1 8 — 2 3/¾0 4 - p=s Lijktrossen 3 - 1 - 12 — 2 - „ oude zeijlen, groote, of marszeijls. 1¾. 1½. — 3/8. 2. - „ oude Jouw, hoognoodig. 7. - bossen 8. – bossen 11:- 24: - strengen maclijnen 9. — d=o 4. – d=o 11: - 24. — _=o huijsing —. — —. — 2. — p=s Cabel touwen van 11: d=m 1 - 1 — 1- „ reep hollands „ 7: d=o 964 - 1414 - 400 - 500: - „ — 1/8. 2 3/12. 1. — „ wand _=o - „ 7: d=o 5. – 17½ 9. — 2. — 1 — 2 — 3 - —. — 2: 6— 33. — 30. — 6— 3— 1. — 2 — kossen do 1. — 1 — den vertie, in de den vertier Hot rstant Nieuwen laatste vijf Jaaren geduurende, onder dato door den anderen den loop van't deeses Jongste boek geslagen jbar 178/ in 1: Jaar 2: in 1: Jaar 2. — Eijsch —. — 114 — — 3/8. 19— —½ langn — 2/15. lb 163 — Voor de Kuijpers winkel lb: Hoep ijser insoort, teweeten. 7000 - 4000: lb: heele Leggers, 1000. „ halve d=o, 1000: „ heele aams, 1000. „ halve d=o G Voor de Arthillerij. D=m 2. — p=s Metaale mortiers, van 8: d=m „ _=o Kanons - - „ 6: lb=s „ bommen van 5½ d=m tot een alhier in voorraad sijnde mortier 1 — „ Nieuwe Talstok 8 — „ Koegel mallen Nieuwe van 1: tot 18. ld=s 2. — „ Kopere dissels 100 — 2:— 9786¼. 14651- 6001 — 20 — 10 — 5. — 10. — 1. — 33 75 5— 15¾ 21¼ 23 — 937 10% 17. — 2. 25½. 30¾ 10 — 2. – p=s wand hollands van 6: d=m 8½ 6- „ Loodlijnen 2¼ 11 7/8. 4 - huijden pompleer 15 - Vaten pik 40 — _=o Theer 2. – p=s nagthuijscompassen 50 – „ Theer quasten 100 — lb Kreijt 6½ 10 - huijdlen boeijleer 20 — p=s lijnen insoort hollands van 9: tot 13: garen 100 — lb Groene zeep 4 — p=s slijpsteenen van 5: a 6: voeten Zeijlplaaten 2:— 7½ 2½ 4½ 3 8 1 2. — 6— 6— 2— 18. — ƒ 6- „ Namen —. — — —. — —. — —. – —. — — — — —. — 2. — — — 6 laat den door den anderen den loop van het Jongste geslagen. boek Jaar den verlier inde den vertier Hetreslant Nieúuwen 1779 onder dato 44. - 25. - p=s Canon of schuel. booren 6. „ 12 — Kopere kruijt Lanthaarns 21211 - 18441:- 96000. - 1500: — lb fijn buskruijt. Voor de scheeps-Timmerwerff 6 — p=s spieren, van 6: palm dik 6 - „ Calvaat. ijsers insoorten Voor de Houtthuijn 1. –. p=s slijpsteen van 4: voeten boor ijsers insoorten 1. – „. Koper passer van 9 d=m 2 - „ ijsere mast passers 4 — „ Klinkhamers. 21 — 34. — 20 — „ Diverse Medikamenten en oliteijten volgens Cathalogue, Bij onse nedrige letteren van den 13. februarij Iongstleeden, hebben wij uw Hoog Edelheedens onder het hoofd deel van de Huijselijke Bestellingen Eer„ van hiert hint van wor oe eoage biedig ter kennisse gebragt, dat de souratse ministers „ op ons versoek, met het schip Hon„ „koop na herwaarts hebben gesonden, Een Lak, in 1: Jaar 1 — ofte 15 2— 5— 44. — deeses Eijsch 6— — 6— 1— —. — —. — 15 — 6„ daar van zijn ruijm 76000: rop=s aan den koning van Trevancoor afgelangt, en is reets/ aanzoeking van meerder Contanten ofle 100'000: Ropias sourats, bij onse Generaale missiee van den 2: Ianuarij bevoorens, hebben wij deesen aangaande bekent gestelt; dat zoo den Handel hier na wensch slaagde en wij Contant genoeg in handen Kreegen de gemelde som na Batavia zouden voort zenden; wij moeten ten vervolge van dien als nu note „ren, dat den Handel hier nog al wel is geslaagt, dog dat de meeste wharen in de na monsson door sCompagnies Kooplieden zijn van de hand gezet, in troucque ofte ruij„ „ling, waar door de kooplieden buijten staat zijn gebleeven, om zoo spoedig zoo veel Con„ „tanten te fourneeren, als tot afbetaling van de Reekeningen van Trevancoor en de huijs„ houding benodigt zijn Geweest, zijnde van voorsch: lak, reets aan den Koning van Re„ vancoor afbetaalt ruijm Rop„s 76000:, tot vereffeninge der peper leverantie, waar bij ook komt dat de nieuwe leverantie al aan den Gang zijnde, zijn Hoog=t reeds in voor„ „raad aanzoek gedaan heeft, om op dezelve een verstrekkinge van een half lak, of meer in te
English
also needs money unable to satisfy the ministers of Ceilon for cash at the request of the said ministers has been sent 100000 lb powder sugar thither is to be obtained for the purchase of vegetables, as well as that through the loss of Paponettij we must now buy the necessary supply of grain for cash, which presently on account of the multitude of men amounts to no small quantity, which is also the reason why we have not been able to satisfy the request of the Ceylon ministers, who by letter of the first of April last urged us to be assisted with at least half of that sum. Said ministers have also requested from us 100000 lb powder sugar and 3000 lb candy sugar; the first quantity we have sent thither with the ship Concordia, but could not satisfy the candy sugar, because the previous year's stock had already been sold to the merchants, and just now none was brought with the Concordia, as it had not been demanded. Concerning Regarding native affairs, we report herein that at the request of the King of what was advanced to the King of Trevancoor, he has already settled and now goes over the fiscal Sassien requests his discharge to batavia Trevancoor, as appears from our Resolution of the 17th February last, there was further advanced to His Highness rops 50000, in addition to 700 pieces flintlocks and 15000 lb Japanese bar copper, to be accounted for with the pepper delivered and already sent to Ceylon, just as the annual account with the envoys of that King was also settled under the date of 9 April past, and the sum of Ropias 26145:41 which was still standing outstanding at that time has been paid off to His Highness, as appears from the account accompanying this, and which was also entered into our Resolution of the 29 April last. Regarding the Servants, we respectfully accompany this with the following petitions, namely: One from the Merchant and fiscal Samuel Constantin Saffin, who most humbly requests Your High Excellencies, given the detrimental experience of the Malabar climate on his health, to be discharged from this Coast to Batavia, in order upon recovery to find employment there. One from the under-merchant and pay bookkeeper Coenraad George Seyffer, requesting to be favored with the fiscalship, or otherwise to be favorably considered. One from the under-merchant and dispenser Abraham Jean Scipio Vernede, likewise requesting to be permitted to step forward as fiscal on this Coast. One from the under-merchant and head of Cranganoor Johan Adam Cellarius, requesting to be favorably considered in the promotion of the Servants on this Coast. request upon promotion to be favorably considered the dispenser vernede insists upon the office of fiscal the head of Cranganoor Cellarius requests to be considered and the under-merchant van Haeften petitions upon vacancy of the warehouse or dispensary to be favored with the one or the other on the decease of the major englert by the departure of the two Ceylon captains thither, the command over the militia has been assigned to Captain Lieutenant van den Busch the same requests to be promoted as head of the militia of this coast likewise also Captain Lieutenant stip appointment of the under adjutant Colduwij as commanding sergeant the same requests the rank and pay of ensign One from the under-merchant Willem van Haeften, entreating that upon a vacancy of the Company's Warehouse or Dispensary here, he may be favored with the first or the second said administration. The Honorable Major and Head of the Militia here, Jan George Englert, passed away on the 21st of April last. When Major Medeler had passed away, the command here, until further orders from Your High Excellencies, was attended to by the senior captain of the two detached Ceylon companies, namely Captain Frankena; but since he and the other Captain, due to the onset of the foul monsoon, have gone on a quick trip to Colombo, being easily spared in the meantime, the command is now also, until further orders from Your High Excellencies, attended to by the senior Captain Lieutenant of our garrison here, Fredrik van den Busch, who most humbly requests Your High Excellencies in an enclosed petition to be permitted to step forward as head of the militia on this Coast, under such favorable advancement as may graciously please Your High Excellencies. A similar petition we present to Your High Excellencies from Captain Lieutenant Jobst Hendrik Daneel Stip, who likewise solicits to be permitted to step forward as head of the militia. By the dispatching of the periodically insane Ensign Johan Fredrik van Streijke, such an officer having become lacking in the Cochin Garrison, we have therefore, in our session of the 29th of April last, appointed in his place as commanding sergeant the under adjutant Johan Philip Coldewij, in order to be most humbly nominated to Your High Excellencies for the attainment of the ensign's rank and pay; we do so now in all humility herewith, and request that Your High Excellencies will be favorable to him, as being a person who has served in Europe as an officer and has military experience; his petition comes over among the annexes. Regarding the Sipais coming over with the bearer of this, about which the first undersigned has the honor to inform you further in his separate letter of today
Dutch transcription
ook geld nodij de ministers van Ceilon om Contanten niet kunnen voldoen op versoek van gem: ministers zijn sonden tot den inhof van groenen heeft men te erlangen, zo mede dat wij door 't gemis van Paponettij de nodige voorraad van graan, nu voor Contant moeten inkoopen, dat tans we„ „gens de veelheijd der manchappen geen geringe quantiteijt uijtmaakt, waarom wij, dan ook daarom heeft men aan het versoek van niet hebben kunnen voldoen aan het ver„ „soek der Ceijlonse ministers, die bij brief van den Eersten April Jongstleeden bij ons aan„ „gehouden hebben, om ten minsten met de helfte van die somma te mogen werden geassisteert. Gemelde ministers hebben van ons ook versogt 100'000: lb: poeder zuijker en 3000: lb 100'000 lb poeder zuijker dewaards ge Candij zuijker, de Eerste quantiteijt hebben wij met 't schip Concordia derwaarts gesonden, maar de Candij zuijker niet kunnen voldoen, om dat de voorjarige reets aan de kooplieden was ver„ kogt, en nu J=st met de Concordia geen aangebragt is, als niet geeijscht zijnde Nopens De Inlandse zaken melden wij in deesen, dat op het versoek van Den Koning van wat aan den koning van Trevancoor is voor uijtverstrekt, heeft denselven al vereffent en gaat thans over den fiscaal Sassien versoekt om zijn verlos sing na batavia van Trevancoor, blijkens onse Resolutie van den 17=e februarij Jongstleeden, aan zijn hoog„ „heijd nader zijn verstrekt rop=s 5'0'000:, benevens 700: pees snaphanen en 15000: lb: Japans staa koper, om verreekent te werden met de gele„ „verde, en reets na Ceijlon versondene peper, ge„ En de Rteek: met denselven is gesloten „lijk dan ook de Iaarlijkse Reekening met de sendelingen van dien Koning, onder dato 9: April verweeken geslooten, en de als toen nog te vooren staande som van Ropias 26145: 41: aan zijn hoogheijd afbetaalt is, blijkens de Reekeninge deesen versellende, en welke ook Het ver in onse Resolutie van den 29: April Jongst „leeden ingeschreeven is. Aangaande de Dienaren, laaten wij deesen in eerbied versellen de volgende Requesten, als. Een van den Koopman en fiskaal Samuel Constantin Saffin, die uw Hoog Edelheed=s op het nedrigste verzoekt, mits de nadeelige ondervinding van het mallabaars Climaat voor zijne gezondheijd, van deeze Cust ten gen om b van dede oekhende sijke versok om die bediening, dan wel anders ten goede bedagt te werden de dispencier vernede insteert om de bediening van fiscaal Het opperhoofd van Cranganoor Cellarius ngst bedagt tewerden En de onderkoopman van Haesten suppli„ huijs of dispens met het een of het ander begunstigt tewerden mde Twelijden van den mepanr bylert „gen werden verlost na Batavia, om bij her„ stellinge aldaar een Emplooij te vinden. Een van den onderkoopman en zoldij Boekhouder Coenraad George Seijffer ver„ „zoekende met 't fiscalaat begunstigh, dan wel anders ten goede bedagt te werden. Een van den onderkoopman en dispen„ cier Abraham Jean Scipio Vernede, meede verzoekende om te mogen optreeden, als fis„ „caal ter deeser Custe. Een van den onderkoopman en Cranga„ versoek bij verschanteng ten goede noors opperhoofd Iohan Adam Cellarius, ver„ „zoekende om bij verschansing der Dienaaren ter deeser Custe ten goede bedagt te mogen werden. Een van den onderkoopman Willem ceert om bij openvalling van het pak. van Haeften, smeekende om bij open„ „vallige van 'sCompagnies Pakhuijs of Dis„ „pens alhier, met de Eerste, dan wel met de tweede gem: administratie te mogen wer„ „den beginstigt. Den E: Majoor en Hoofd der Militie al„ hier Ian George Englert is den 21: April Jongst door vertrek van de twee Eijlonse Capit=s na derwaards, is het Commando over de van den Busch den selven versoekt om als hoofd der militie dezer duste te werden bevordert Jnsgelijk ook den Copt: it: steff Jongstleeden overleeden. Toen de Majoor Medeler overleeden was, is hier het Commando, tot nadere order van uw Hoog Edelheedens, waargenomen door den oudstenaa Capitain van de Gedetacheerde twee Ceilonse Compeniër namentlijk Capitain Frankena militie opgedragen aan den Copt: Luit: dog dewijl deze en de andere Capitain, mits het invallen van de quade mousson voor een springtogd na Colombo zijn, als in die tussen tijd wel kunnende gemist worden, zo word het Commando thans ook, tot na„ „der order van Uw Hoog Edelheed=s, waarge„ „nomen, door den oudsten Capitain Luijtenand van ons guarnisoen alhier Fredrik van den Busch, die uw Hoog Edelhed=s bij een hier bij gevoegt smeekschrift ootmoedigst ver„ „zoekt, om als hoofd der militie ter dezer Custe te mogen optreeden, onder zodanige favorable verbeeteringe als uw Hoog Edelheedens goed genstig zal behagen. Een gelijk versoek schrift bieden wij uw Hoog Edelheedens aan, van den Capitain lieutenant Jobst Hendrik Daneel Stip, de meede Col aanstelling van den onder adjudant denselven versoekt om de qualiteijt en gagie van vaandrig meede solliciteert, als hoofd der militie te mogen optreeden. Door het versenden van den, bij beurten Colduwij tot Commandeerend Sergeant Vranksinnigen, vaandrig Iohan Fredrik van streijke, een zoodanig officier in het Cochims Guarnisoen zijnde komen te man„ „queeren, zoo hebben wij, ter onser sitting van den 29: April J=oleeden, in desselfs plaats aangestelt tot Commandeerende zergeant den onder adjudant Iohan Philip Coldewij om aan uw Hoog Edelheed=s ootmoedigst voorgedragen te werden ter erlanging van de vaandrigs qualiteijt en gagie, wij doen zulx thans in alle ootmoet bij deesen, ens versoeken, dat uw Hoog Edelheedens hem gunstig willen zijn, als zijnde een persoon die in Europa als officier heeft gedient en ervarenthijd van het militaire heeft: zijn Request komt onder de bijlagen over. Over de, met brenger deeser, overko„ „mende Sipais, waar over de eerst geteekende de eere heeft uw bij zijne apparte van heden nader
English
Concerning the sepoys who are now departing for Batavia, Lieutenant Hoffman goes as Commandant. In case of the stay of the said Hoffman at Batavia, it is requested to promote Ensign Groos at Colombo to Lieutenant, and sub-adjutant Van Aldebijl. One Corporal, four soldiers and three handymen crossing over to Batavia. To write further, we let proceed thither as chief and Commandant the military Lieutenant of the Ceylon Company under Captain Leever, named Christoffel Hoffman. We presume that Your High Nobilities may wish to retain him at Batavia, wherefore, in such case, to fill the Lieutenant's place in the Company of Captain Leever, we take the liberty to nominate to Your High Nobilities the senior Ensign in Ceylon named Ian Christoffel Groos, and in his place as Ensign again, the fellow sub-adjutant Carel Lodewijk Baron van Aldebijl; and we most humbly request that in case said Hoffman is retained at Batavia, the aforesaid Ensign Groos may be honored with the rank of Lieutenant, and the sub-adjutant with the Ensign's rank and salary. One Corporal, four soldiers, and three handymen are sailing as time-expired men now to Batavia, having requested their discharge to Europe on account of the expiration of their term, and we have placed them as well as a ship's carpenter Batavia placed them on the Concordia to cross over to Batavia at the disposal of Your High Nobilities, of which the name list is transmitted among the appendices, but possibly they will engage themselves in Ceylon under a new contract. Also coming over on this ship is the ship's carpenter Casper Oldenburg, who at his request has been discharged from here to Batavia. Wherewith we have the honor to remain with the utmost respect and high esteem. Was signed: High Noble, Right Honorable, Far-ruling Lord, and Noble Lords, Your High Nobilities' humble and obedient servants. Was signed: A: Moens, R: v: Harn, I: C: Saffin, I: L: W: Spall, C: G: Seijffer, A: J: S: Verneede, W: v: Haagten and I: A: Daimieken. In the margin: Cochin, 7 May Anno 1780. To the same as before. In compliance with Your High Nobilities' revered order, contained in the extract of the general resolution of the Castle of Batavia taken in the Council of India on 19 December 1777, I insert herein a brief strength of the general number of servants at at this office, with a comparison of the same against the latest determination, and wherein is also noted: the bronze and iron cannons on hand, the supply of muskets, cutlasses and ammunition, as well as the number of available vessels. At this office there are at present the following servants: Total persons: Europeans; Native Mohammedans, children and sepoys. Of the Administration down to Junior Assistants inclusive: 48; 17; 31. Of the Clergy: 3; 3; -. Of Medicine: 13; 8; 5. Of the Artillery: 104; 98; 6. Of the Militia: 1203; 536; 78; 589. Of the Seafaring: 81; -; -; -. Of the Trades: 130; 49; 41; -. Of various on active duty: 11; 30; -; 6; 4; 2. Totalling: 1548. According to the latest determination: 533. Now more: 1015. Further: 39 pieces bronze cannons, 237 ditto iron cannons, 20 swivel guns, bronze, 9619 muskets, 2961 cutlasses and swords, 56882 pieces round and long ammunition, 104720 lb gunpowder. And the following vessels: 1 snow, 1 smalschip, 7 gamels, among which 3 so-called war gamels, 1 orembai, 3 scows, and 1 pattamar boat. Wherewith we have the high honor to remain with the utmost respect and high esteem. Was signed: High Noble, Right Honorable, Far-ruling Lord, and Noble Lords, Your High Nobilities' humble and obedient servant. Was signed: A: Moens. In the margin: Cochin, 7 May Ao 1780. Batavia. To the same as before. After dispatching the ship Concordia, with our humble letters of the 7th of May last, no opportunity having presented itself to us for sending the duplicate of the same, we now send the same via Nagapatnam, and let this serve solely as escort thereof. Wherewith, under humble notification that affairs on this Coast are still in the same state as they were last shown to Your High Nobilities, we have the high honor to remain with all respect and high esteem. Was signed: High Noble, Right Honorable, Far-ruling Lord, and Noble Lords! Your High Nobilities' humble and obedient servants. Was signed: A: Moens, R: v: Harn, S: C: Tassin, I: L: Veen Spall, C: G: Seijffer, A: I: S: Wernede, W: W: Haeften and I: A: Daimichen. In the margin: Cochin, 20 June 1780. Batavia. Receipt of Her High Nobilities' Letter of the 27th of July. Batavia. To His High Nobility, The High Noble, Right Honorable Lord A: Willem Arnold Alting, Governor General, The Noble Lords Councilors Of the Netherlands Indies. High Noble, Right Honorable, Far-ruling Lord, Noble Lords, Via Ceylon we had the honor to receive Your High Nobilities' highly respected Letter of the 27th [illegible] 1780.
Dutch transcription
over de sipais die tans na batavia ver„ trekken gaet den lit: hoffman als Com mandant bij verblijf van gem: hoffenan op batavia versoekt men den vaandrig te Colomto groos tot luit te bevorderen onder adjn=t van aldebijl Een Cors=e, vier zeldeten en drie handlan via over nader te schrijven, laaten wij als hoofd en lshoofd Commandant meede derwaarts gaan den Lieutenant militair van„ de Ceijlonse Compagnie, onder Capitain Leever in name Christoffel Hoffman, zoo vermeenen wij dat uw Hoog Edelheed=s denselven wel te batavia zullen willen aanhouden, waarom we in zulke gevalle ter vervullinge van de lieutenants plaats bij de Compagnie van Ca„ „pitain Leever de vrijheijd gebruijken aan uw Hoog Edelheedens voor tedragen, den oudsten vaandrig te Ceilon in name Ian Christoffel groos, en in zijne plaats als vaandrig weeder, den meede onder adjudant Carel Lodewijk Baron van Aldebijl, en versoeken nedrigst en in zijn plaats dan ht vaandrig den dat ingevalle gemelte Hoffman te Batavia werd aangehouden, de voorschreeven vaan„ „drig Groos met de qualiteijt van Lieutenant en den onder adjudant met de vaandrigs quali„ „teijt en Gagie, mogen werden verEert Een Corporaal, vier zoldaten en drie hand„ gers vaaren als averlosses tans na bata, langers hebben mits tijds Expiratie om hunne verlossing na Europa versogt, en wij hebben de „ selve zoo meede een scheepstimmerman Batavia „selve op de Concordia geplaatst om na Bala„ „via overtevaren ter dispositie van uw Hoog Edelheedens, waar van de Naam lijst onder de bijlagen over komt, maer mogelijk engageeren deselve zig op Ceijlon, in een nieuw verband. ook komt met dit schip over den scheepstim„ „merman Casper oldenburg, die op zijn ver„ „soek van hier na Batavia verlost is. Waar meede ons de Eere geven van met de uijtterste eerbied en Hoog agtinge te blijven onderstond/ Hoog Edele Groot Agtb: wijd gebiedende Heere en wel Edele Heeren, Ue Hoog Edelheedens onderda„ „nige, en Gehoorsame Dienaren /was getekend/ A: Moens, R: v: Barn, I: C: Saffin, I: L: W: spall, C: g: Seijffer, A: J: S: verneede, W: v: Haagten en I: A: Daimieken /imnmargine/ Cochim den 7: Mayj Anno 1780: — an als vooren In opvolging van uw Hoog Edelheedens gevenereerde ordre, vervat bij Extrach generaald resolutie des Casteels Batavia genoomen in raade van India op den 19. ' december 1777:, insereere in deesen eene korte sterkte van het generaal getall der dienaaren ten ten deesen Comptoire, met een vergelijkinge van deselve, tegens de Jongste bepaalinge, en waar bij ook genoteerd staat; het aan handen zijnde metaal en ijzer Canons, den voorraad van snaphanen, houwers en scherp, als meede het getaal der aanweesende vaartuijg„ Op dit Comptoir zijn op heeden in weesen de volgende Dienaren ten Van de Politie tot Jong assesten Cinclusive - — van de Kerkelijke van de Geneeskunde- - van de Arthillerij van de Militie van de Zeevaart van de Ambagten van deveese dienst doende Tesamen bedragende Volgens de laatste bepaaling - . - 533. 1015. Nu meerder -- 1548. —. —. —. voorts 39. pees metaale Canons, 237. d=o ijzere Canons. 20. — „ draaij bassen, metaale, „ snaphaanen 9619. 2961: „ houwers en deegens koppen waaron Inlandse Maho methanen der Euro, Kinderen en sepais tesamen. peesen 48. 17. 31: — 3. 3. 13. 8. 5. —. 104. 98. 6. —. 78. 589. 1203. 536. 81. — -. 130. 49. 41. 11. 30. —. -. 6. 4. 2. —. 56882 . . .. —. — — 56882: - pees Rond en lang scherp 104720:- lb: kruijt En de volgende vaartuijgen 1: snaauw, 1: smalschip 7: Gamels, waar onder 3: zoo genaamde oorlogs gamels 1: orangbaaij 3: schouwen en 1: pattemaar bood. waar meede wij de hooge Eere geeve van met de uijt„ „terste Eerbied en hoog ligting te blijven /onderstond/ Hoog Edele, groot Achtb: wijd gebiedende Heere, en wel Edele Heeren, uw Hoog Edelheedens onderdanige en Gehoorsamen dienaar (was gete:/ A: Moens /inmargine/ Cochim den 7: Maij Ao 1780. Batavia Aan als vooren. Na hiet despecheeren van het schip Concordia, met 6 onse nedrige letteren van den 7. Maij pleeden, ons Geene Gelegentheijd voorgekomen zijnde, ter versendinge van het duplicaat derselve, zoo ver„ „senden wij het zelve thans over Nagapatnam, en laaten deesen Eenelijk dienen ten geleijde daar daar van waar meede ons, onder nedrige bedeelinge, dat de zaaken ter deeser Custe nog zijn in denselfden staat als die aan Uw Hoog Edelheedens laast zijn vertoont, de hooge Eere geven, met alle Eerbied en Hoog lgtinge te blijven /onderstond/ Hoog Edele, groot Achtb: wijd gebiedende Heere, en wel Edele Heeren! Uw Hoog Edel„ „heedens onderdanige en gehoorsame Dienaren (was getekend) A: Moens, R: v: Harn, S: C: Tassin, I: L: Veen spall C: g: Seijffer, A: I: S: Wernede, W: W: Haeften en I: A: Daimichen /inmargine / Cochim den 20: Junij 1780 Batavia ontvangst van Haar Hoog Edelhe„ „dens Missive van den 127. Julij Batavia Aan zijn Hoog Edelheijd, 1 „ Den Hoog Edelen Groot Achtbaaren Heer A: Willem Arnold Alting Gouverneur Generaal De wel Edele Heeren Raaden Van Nederlands Jndia. Hoog Edele, Groot Achtbare, Wijdgebiedende Heere, Wel Edele Heeren Over Ceijlon hebben wij d'eer ge„ had te ontfangen VW Hoog Edelheedens Hoog Gerespecteerde Missive van den 27 e En 1780.
English
and of Their High Excellencies' general rescript of 30 September following thereupon, as well as of a circular letter dated 5 December just mentioned, containing the decease of His High Nobility Reinier de Klerk and the election of His High Nobility Mr. Willem Arnold Alting as Governor General, 27 July 1780, and subsequently with the safe arrival of the ship Compagnies Welvaren on 20 December ultimo, Your High Nobilities' highly venerated general description for this office, dated 30 September previously, with all the annexes mentioned on the register; among which also an original circular letter of 5 September of the same year, whereby to our particular sorrow it appeared to us, the decease on the 1st of that month of His late High Nobility, the Lord Reinier de Klerk, Governor General of Netherlands India, but on the other hand also to our joy and gladness the election that followed thereupon the next day, of the then Honorable Director General Mr. Willem Arnold Alting to that highly important and eminent charge of Governor General, and whereas Your High Nobilities have therein pleased to order to present His well-mentioned High Nobility in that high dignity publicly to the people as soon after the receipt hereof as can suitably take place, without further extension of public solemnities or more ado than were observed and taken into account at the presentation of the late Lord Governor General De Klerk (of pious memory), we therefore at our meeting of 27 December last appointed for that purpose the 29th following thereupon, when His well-mentioned High Nobility was publicly presented to the people at Cochin; in the manner as can be seen from the original Resolution of that day accompanying this and the draft made here for the presentation, to which reverently referring ourselves, we have the honor most respectfully to congratulate His High Nobility on that eminent dignity and highly important charge, and to wish God's precious blessing in all his actions, with the declaration to recognize, honor, respect and obey His High Nobility as our Lord Governor General, just as such has also been ordered to all servants at the subordinate offices here. Determination how to let the presentation take place. When the presentation of His mentioned High Nobility Mr. Willem Arnold Alting took place here. Resolution regarding this is transmitted in original. Congratulation regarding this event. The servants at subordinate offices have also been instructed as necessary. Further, we have to congratulate the Honorable Ordinary Councillor Hendrik Breton with his elevation to Director General of Netherlands India. Congratulation to the Honorable Lord Director General. The further orders contained in the mentioned papers, and which are not found specifically cited in this, we shall let serve for our dutiful instruction and observance, and now proceed to making a report of the state of this office and our proceedings in the service, answering the aforesaid general letter. One shall observe the further orders and proceed to reporting on affairs. Through delivery by the Tuticorin servants we have received overland a packet of Dutch papers brought there by the ship Amsterdam, in which among others was enclosed an extract from the letter of the Gentlemen Seventeen dated 7 October 1779, written to Your High Nobilities, which we let follow below, answered in the margin. Receipt of an extract from the Dutch letter dated 7 October 1779 that is being answered. Extract from the letter, written by the assembly of the Gentlemen Seventeen in Amsterdam to the Governor General and the Councillors of the Indies at Batavia, dated 7 October 1779: Section 285: The state of the native affairs on the Malabar seems to have undergone little or no change, and we could consequently leave it at what was written about it by us in the past year, had we not seen from the further letters that the reservations that arose among us were all too well founded, both regarding the conduct of the expedition undertaken to relieve the Company's fort at Chettua, and with respect to the necessary provisioning of the same. We have therefore entirely approved the reflections made by Your Nobilities with regard to the direction maintained by the ministers, the same having answered as little to our expectation as to yours. Section 285. The High Indian Government having declared their remark null and void by letter of 28 December 1778, we hope that from the papers subsequently obtained this will also have appeared so to Your Honorable High Mightinesses. Section 286: However much we have repeatedly urged the observance of a proper frugality, it was nevertheless never our intention, and this is also evident from Section 286. However much the item of frugality was pursued by us, we nevertheless, as far as our circumstances here permitted in any way, never lost sight of the item of defense: to this end two
Dutch transcription
en van Hoog derselver generale rescriptie van den 30. zber: daar aan. als mede van een Circulaire mis„ „sive de dato 5: xber: even gem: behelst het overlijden van zijn Hoog Edelheid Reinier de klerk en de verkiesing van zijn Hoog Edelheijd M:r Willem Arnoldd 27. Julij 1780. en vervolgend met het behouden arrivement van het schip Compagnies Welvaren op den 20: December Passato Vw Hoog Edelheedens zeer Gevenereerde gene„ raale descriptie voor dit Comptoir, de dato 30: Zeptember bevoorens, met alle de bijlaagen op het Register vermelt; waar onder ook een originee„ de Circulaire missive van den 5. Zep¬ „tember desselven Jaars, waar bij ons tot bijzonder Leetweesen gebleeken is, het overlijden op den 1t dier maand van wijlen zijn Hoog Edelheijd, den Heere Reinier de Klerk Gouverneur Generaal van Nederlands India, dog daar en tegen ook tot onse vreugde en Blijdschap de Alting tot gouverneur generaal daar op Gevolgde verkiesing ten volgenden dage, van den toen„ Wel Edelen Heer „maligen Directeur bepaarling hoedanig de voorstelling te laten geschieden melte zijn Hoog Edelheid M:r Willem Arnold Atting hier is geschied. Arnold Alting - tot die Hoog- wigtige en Eminente charge van ƒ Gouverneur Generaal, en dewijl Vw: Hoog Edelheedens daar bij heb„ „ben gelieven te gelasten, welmelte zijn Hoog Edelheijd in die Hooge waardigheijd, zonder verdere uijt„ „bereijding van Publicque solemni„ „teijten, of meerder omslag als bij de voorstelling van wijlen den Heer Gouverneur generaal De klerk (:H: L: M:) zijn g'observeerd en in agt genoomen, zoo kort na den ontvangst deeses, den volke pu„ „blicq voor te stellen, als gevoeglijk zal konnen geschieden, zoo hebben Wanneer de voorstelling van wel wij ter onser sitting van den 27: December Jongstleeden daar toe bepaald den 29: daar aan, wanneer wel gemelte zijn Hoog Directeur Generaal Mr: Willem Edelheid Resolutie derwegens gaat in origineel over. felicitatie wegens dit Evenement de bediendens op onderhoorige „ Comptoiren is ook het nodige aanbevoolen. Edelheijd te Cochim den volke Lu„ „blicq is voorgestelt; invoegen als bij de deesen versellende origi¬ „neele Resolutie van dien dag en het tot de voorstellinge hier gemaakte Ontwerp te Sien is, waar aan ons reverentelijk ge¬ dragende, geeven wij ons de eere zijn Hoog Edelheijd op het allen „Eerbiedigste te felisiteeren in die Eeminente Digniteijt en Hoog¬ „wigtige Charge, en Godes Dier baaren zeegen in alle desselfs verrigtingen toe te wenschen, onder betuijginge zijn Hoog Edelheijd te zullen erkennen, Eeren, des„ „pecteeren en gehoorsamen als onsen Heere Gouverneur Gene„ „raal, gelijk zulx ook aan bevoo„ len is, aan alle Bediendens op de hier onderhoorige Comptoiren. verders geluk wensching aan den wel Ed: Heer Directeur generaal. nemen, en tot het doen van verslag van affaires overgaan. missive van dato 7. 8ber: 1779. dat beandwoord werd. Verders hebben wij de deze Den wel Edelen Heer Raad ordinair Hendrik Breton te gra„ „tuleeren, met desselfs verheffing tot Directeur Generaal van Nederlands India. De verdere ordres bij ge„ Men zal de werden ordres in agt melte Papieren vervat, en die in deesen niet Speciaal aange„ „haalt werden bevonden, zullen wij tot onse Schuldige narigt en observantie laaten Strekken, en thans overgaan tot het doen van verslag van den Staat van dit Comptoir en onse ver„ „rigtingen in den Dienst, onder Beantwoording van de voor¬ „schreeven generaale missive. Door bestellinge van de ontvangst van ee Extract Patriase Tutucorijnse Bediendens heb„ „ben wij over den Landweg ont„ „vangen „vangen een Pacquet Patriase Papieren per het schip Amster „dam aldaar aangebragt, waar in onder anderen beslooten is geweest, Een Extract uijt de Missive der Heeren Seven„ „thienen in dato 7. october 1779. aan uw Hoog Edelheedens ge„ schreeven, het welk onder in margine beantwoord volgen. Laaten Extract uijt de Missive, geschreeven door de vergadering der Seventhienen Heeren binnen Amsterdam aan den Gouverneur gene„ „raal en de Raaden van te Jndien Nederlands Batavia m §. 285: De gesteldheijd der In„ „landsche Zaaken op de Mallabaar, Scheijnt weijnig of geen §: 285. De Hooge Jndiase Regeering verandering te hebben on„ bij brief van den 28. xber 1778. hare remarque voor vervallen „dergaan, en wij zouden mits verklaard hebbende, hoopen wij dat ow wel Edele Hoog Agtbaare dien het thans kunnen uijt de nader erlangde papieren zulks ook zal voorgekomen laaten, bij het geen zijn. daar over in den voor„ leeden Jaare door ons is Geschreeven, hadden wij niet uijt de na„ „dere brieven gesien dat maar al te zeer zijn geweest gegrond Batavia, in dato 7: octo„ „ber 1779: de de bij ons ontstane beden„ kingen, zoo noopens het beleid der Gedaane expeditie tot ontsetting van Compagnies Fort te Chettua, als met opzigt tot de nodige voor zie¬ „ninge van het zelve. Wij hebben derhalven al„ sints gepast gevonden de reflectien, die ten aanzien van der Ministers Gehoude¬ „ne Directie, door VE: gemaakt zijn, hebbende deselve zo min aan onze, als uwe verwag„ „ting beantwoord. Hoe zeer wij tog meermaalen 1. 286. §: 286: Hoe zeer het articul van me„ „nage door ons betragd is, zo heb hebben aangedrongen op de ben wij egter, zoo veel onse om„ „standigheeden alhier maar ee betrachting eener behoorlijke „nigzints toegelaaten hebben nimmer het articul aan de defensie menage, is egter nimmer ons ^geweest uit het oog verlooren: hier op zijn oogmerk /: en zulx spreekt ook twe uijt
English
keep indigenous princes informed. We had even been suspicious of this at an early date, as is evident from our secret Resolution of 26 9ber: 1773; but our weak condition, from the very nature of things, meant that one would neglect the timely employment of such means as were both within the Company's power and of absolute necessity to secure its possessions against the attacks with which it had already been threatened for so long on this Coast by a formidable neighbor. Section 287. 287. The measures we took to relieve Chettua by sea are evident from the Instructions. That the landing could not take place immediately was demonstrated by the shipmaster of Hoolwerf, who, being a seaman, could and must have known this best; and if there had indeed been any possibility of it, the Commander Stipp would certainly have raised that exception in his defense. The hope, however, of a successful outcome, or, in the opposite case, of a secure retreat, caused the expedition to proceed the following day. This retreat was prevented by the coolies running away with the vessels, which was impossible to prevent. It has also since become more apparent to us that the event unfolded as dictated by the report of Stipp, who has since given proof of his leadership, especially in the well-known action of 3 March 1778, when the Nabob's forces wanted to cut off our advance post near the palace of Cranganoor, in which he, with few men, cut his way through an unequal force and inflicted a considerable loss upon the enemy. Yet what especially caused our astonishment is that regarding the circumstances of the failure of the enterprise to relieve Chettua and the surrender of that Fort to the Nabob Heyder Alij, we received no other information than that which relies for the most part on the reports made to the Ministers by Lieutenant Stip, the Resident Riberto, and the Ensign Lindzer, who had been imprisoned by the Nabob, after their return. The first named having commanded the aforementioned Expedition, and the two others having had the administration in the Fort at the time of its surrender, it admits of no contradiction that the interest which these persons respectively had in the contents of the aforementioned reports does not permit full reliance to be placed on those reports without further evidence. And since there certainly must have been sufficient opportunity for the Ministers to obtain information from more than one side regarding the true course of events, we consider it more than strange that they did not put such a necessary investigation into effect, or at least did not ensure that due knowledge thereof was given to Your Nobilities as well as to us. Section 288. If the impossibility of relieving Chettua, or defending it any longer, had resided in the prescribed measures or in too small a supply and necessities, then the Commanders and Resident would certainly have raised that exception in their defense. Section 288. This neglect caught our attention all the more because the aforementioned investigation and the report regarding its outcome might also have been of service to demonstrate better than has now been done that nothing could be objected against the measures as taken by the Ministers, and that in particular good precaution had been taken regarding Chettua and the ammunition necessary for the defense of that Fort. Section 289. The useless firing of the powder, the confusion, as well as the mutiny among the men, both of which the Ministers seem to wish to present as the principal causes of the surrender of the Fort, were matters of such a nature that those to whom the administration within that fort had been entrusted ought to have answered for them, since if it were found that they had committed any negligence or dereliction of duty in one respect or another, they should then have been disciplined according to their deserts. Section 289. However, we are willing to believe that the failure of the Chettua relief made the garrison fainthearted; but it has since been found only too true that the men, both on the promise of safe passage and under the threat of being massacred, having fallen into mutiny and seeing the storming ladders being brought up, forced the Resident and Commander to surrender. Both of these meanwhile still suffer under the consequences of bitter poverty, as everything they had was taken from them, inclusive of the buckles from their shoes and the studs from their shirts. Section 290. Although the Nabob had anew offered his friendship to the Company, and it was further tested whether use could be made of this without prejudice to the Company's interests and a Commercial Treaty entered into with him, as mentioned in our General Missive of last year, Section 259, it is nevertheless sufficiently to be gathered from the absence of the Nabob's answer and the Ministers' letters that he will not be inclined, by means of an amicable Section 290. The hope we had that the Nabob would return what was taken from us through an amicable settlement has now completely vanished, and we are sufficiently convinced by his conduct since then that he is indeed intent on keeping the seized district in his possession. It will have to be a change of circumstances over time that will cause the Company to regain its own.
Dutch transcription
jnlandse vorsten niet onbekend doen blijven. we zelfs al vroeg verdagt geweest, uijt den aard der zaaken van zelfs:) blijkens onze secreete Rezolutie van den 26:te 9ber: 1773: maar onse dat men het tijdig employ van Zwakke toestand, konden we bij de zulke middelen zou nalaaten, die en in 't vermogen der Maat¬ „schappij, en van een absolute noodzakelykheijd waren, om te beveijligen haare bezittingen tegen de aanvallen, waar meede zij ter deezer Custe door een Gedugte nabuur, reeds zedert zoo lang bedreijgt was Dan het geen bij ons voor al ver„ §. 287. 287. De Maatregulen, die we ge„ „wondering heeft gebaart, is dat „nomen hebben om Chettua over zee te ontzetten, blyken bij de wij nopens de omstandigheeden Jnstructie: dat de Landinge niet aanstonds heeft kunnen geschieden, van het mislukken der onder„ is aangetoond door den schipper neeming ter ontzetting van van Hoolwerf; die als een zee„ „man zijnde, zulks best weeten Chettua, en de overgaave van kon en moest; en indien ter even„ dat Fort aan de Nabab Heij„ wel mogelijkheijd toe was ge„ wreest, zoude de Commandant der Alij, geene andere in forma„ stipp ter zijner de Scharge daar op wel ge=excipieerd hebben: tien hebben Gekreegen, dan wel„ De Hoop egter op een goed succes, of in Contrarie geval, op een ke meestendeels steunen op secure de secure retiraite, heeft de expeditie den de Rapporten aan de Ministers volgenden dag voortgang doen neemen; gedaan, door de bij den Nabab „Deze retiraite is belet door het wegloo„ gevangen Geweest zijnde Lieu¬ „pen der Coelijs met de vaartuigen, het geen onmogelijk was te beletten; ook „tenant Stip, den Resident is het ons 't zedert nader gebleeken, dat het geval zodanig giexteerd is, als Riberto en den Vaandrig het Raport van stipp dicteerd, die het zedert bewijzen van zijn beleijd gegeven Lindzer, na derzelver terug heeft, inzonderheid bij de bekende ac„ komst. „tie van den 3: Maart 1778. toen de Nababse onse voorpost bij 't palleijs De Eerst gem:, voornoemde Exp¬ van Cranganoor wilden opligten, ditie Gecommandeert, en de twee waar in Hlij met wijnig volk zig door een ongelijke magt heen geslagen, andere het bestuur in het Fort, en den vijand een aanmerkelijk ver„ ten tijde van desselfs overgave, „lies toegebragt heeft. gehad hebbende, leijd het geen tegenspraak, dat het belang, het geen voor die perzoonen in den inhoud van voorsz: Rapporten respectievelijk is geleegen, niet toelaat op die rapporten, son„ „der maer andere bewijzen vol„ koomen staat te maaken. En daar er zeekerlijk voor de Ministers Gelegentheijd Ge„ noeg „noeg zal zijn geweest om van meer, dan eene zijde, zig no„ pens de waare toedragt van zaaken te doen onderrigten, agten wij het meer dan vreemd, dat zij zodanig een noodzake¬ „lijk onderzoek niet werk stel„ „lig Gemaakt, ten minsten tig. van niet gezorgt hebben, dat als VE: het zelve zoo aan ond wierd kennis de verschuldigde gegeeven ons temeer §: 288. Dit versuijm heeft ons om dat het oog Geloopen in sch: onderzoek en het Be„ voor richt, aangaande den uijtslag Hunner dechargien daar ook wel van het zelve misschien van dienst zou hebben kunnen zijn, om beter, dan nu is Geschied, aan te toonen, dat op de maat„ regulen, zo als die door de §. 288. Jndien de onmogelijkheid om chettua te ontzetten, of langer te de„ „fendeeren, had geresideert in de voor„ „geschreevene maat regelen of in te wijnig voorraad en het nodige, dan zouden de Commandants en Resident ter op ge-excipeerd hebben. Mi„ Ministers waaren Genoomen niets te zeggen viel, en dat in„ „sonderheid omtrent Chittua„ en de Ammunitie tot defensie van dat Fort noodig, een goede voorsorg Gebruijkt was. §. 289: Het nutteloos verschieten van §. 289: Egter willen wij wel gelooven, het kruijd, de Confusie benee„ dat het mislukken van het Chettuase ontzet, de bezettelingen klijnmoedig vens den opstand onder het zal gemaakt hebben; maar het is 't ze„ „dert maar al te waar bevonden, dat volk, welk een en ander de het volk, zo op de belofte van vrije Ministers schijnen te willen aftogt, als op de bedrijginge van gemas„ „sakreerd te worden, in opstand geraakt doen voorkomen als voornaame zijnde, en de Ladders tot den storm oorzaaken der overgaave van als ziende aanbrengen, den Resident en Commandant tot de overgave ge„ het Fort, waaren objecten „dwongen hebben; deze bijde zugten intussen als nog onder de gevolgen van dien aard, dat de Geene aan van een bittere armoede, also Hun welke het bestuur binnen dat alles wat ze hadden, tot de gespen van de schoenen, en de knoopjes fort was toebetrouwt Geweest, uijt de hemden inclusive, afgeno„ zig daar over behoorden te „men is. verandwoorden, dewijl ingeval bevonden wierd, door hen in het een off ander opzicht eenige na„ nalatigheijd of pligt versuijm te zijn gepleegd, zij als dan na verdiensten hadden moeten ge corrigeert worden word §: 290: of schoon nu de Nabab desselfs §: 290 ' Hoop die we gehad hebben, dat de vriendschap aan de Maatschappij. Nabab door een minnelijk vergelijk ons het ontnomene zoude te rug geven, is op nieuws had doen aanbieden, nu ten eenemaal verdweenen, en wij mitsgaders nader beproefd zijn door deszelvs zedert gehouden gedrag genoegzaam overtuijgd, dat was, of men daar van buijten het Hem om de in bezit genomene praejudicie van Comp:s Belan„ Landstreek wel de gelijk te doen is, vveranderinge van tijds omstandig„ gen zou kunnen Gebruijk maa„ „heeden zullen het moeten zijn, die ƒ ken, en met hem aangaan de Comp: weder aan het Haare doen het Tractaat van Commercie, geraaken. vermeld bij onze Generale mis¬ sive van den voorleeden jare §: 259: is egter uijt het agter blijven van P Nababs aut„ „woord en der Ministers Schrij„ ven genoeg afteneemen; dat Hij niet geneegen zal zijn, door middel van een minne„ „lijk.
English
to restore the Company to its possessions by means of a proper settlement. Section 291. As much as we certainly agree that in the present state of the Company's affairs it would not be convenient to wage an expensive war against Hyder Ali, which consideration will certainly have moved your honors to authorize the ministers, upon their proposal, for a formal cession, if necessary, to the Nabab, both of the said fort and of the conquest of Paponetty, and the further lands situated between Chettua and Cranganoor, we nevertheless cannot regard those possessions as being of little importance to the Company. Section 291. The Nabab, notwithstanding all means employed thereto, being unwilling to enter into any negotiation of affairs, it has not been possible to make any proposal concerning the recovery or cession of Chettua and the region up to Cranganoor, nor to learn his intentions; and it seems to us best to let the matter take its course for now, rather than ceding Chettua and the region to him, regarding which the first undersigned has set forth his thoughts in further detail in his separate letters written to the High Indian Government under dates of 24 April 1778 and 25 April 1779. Meanwhile, leaving in its place the disposition of the late Ordinary Councillor Senff, for whose expertise and line of argument we retain all respect, the first undersigned nevertheless considered that, after a lengthy presence here, he could present his thoughts regarding Chettua with just as much foundation as his predecessor, who had drafted his treatise on the subject only in the first year of his administration, which may perhaps have moved the High Indian Government to also give some reflection to the representation of the first undersigned. The reasons that are alleged in the secret missive from the Lord Governor Moens, dated 7 March, as far as Chettua is concerned, we have by no means found complete, much less weighty enough to outweigh what was previously demonstrated by the late Extra-ordinary Councillor Senff regarding the necessity of retaining that fortress, and on the basis of which we agreed to that retention in our letters of 15 October 1773. The late Ordinary Councillor Schreuder, who also had local knowledge of the Malabar, likewise judged Chettua not to be necessary, and this has also been proven by experience, not only in the year 1774, when the Nabab's troops marched into the Kingdom of Cranganoor, but also since then, more closely during the Nabab's hostile invasion itself. The first undersigned still believes in good conscience that what he has successively reported in his letters to Batavia regarding the fort of Chettua is indeed the case, and were he asked what he thinks of Coilan, he would, while retaining all respect for his late predecessors, nevertheless have to confess that Coilan can also well be dispensed with, and that according to his understanding, the preservation and flourishing of this city does not depend on the retention of the aforementioned two forts, which at least with relation to Chettua is already evident, as we have now done without that fort for four years, and yet through God's goodness still find ourselves here, without the enemy having been able to advance a step further, or the flourishing of this city having been diminished thereby; and of this opinion are we all together and each of us in particular, for just as the enemy could not be prevented, as often as he wished, from leaving Chettua behind him and committing hostilities between that fort and Cranganoor, which one previously could not even prevent the Zamorin from doing, who was in no comparison to the Nabab, so little could we also an enemy who wanted to from the south of that Section 292.
Dutch transcription
lijk vergelijk de Maatschappij in haare bezittingen te herstellen §: 291: Hoe zeer wij wel toestemmen §. 291. De Nabab niet tegenstaande alle daar toe aangewende middelen tot willen, dat het in de tegen¬ geene onderhandelinge van zaken wil„ woordige geschapenheid van „lende komen, heeft men over het we„ der krijgen of afstaan van Chettua de Maatschappij niet zaaken en de Landstreek tot Cranganoor geen voorstel kunnen doen, nog zoude Convenieeren een zijne intentie verneemen; en het schijnt ons toe, dat het best is, de oorlog tegen kostbaaren zaak nu op zijn beloop te laaten, liever als Chettua en de Landstreek Hijder Alij te voeren, en die aan hem aftestaan, waar over de Eerstgetekende zijne Gedagten na „ Consideratie UwE: zekerlijk „der opgegeven heeft bij zijne aparte Brieven aan de Hooge Jndiase Re bewogen zal hebben om de „geeringe Geschreeven onder datis Ministers op hun voorstel den 24. April 1778. en 25. April 1779. Jntussen aan zijn plaats latende te qualificeeren tot een for„ depositie van wijlen den Heer Raad Ex„ tra ordinair Teniff, voor wiens meele afstand, des noods, aan kundigheijd en betoogtrand wij alle agtinge behouden, zo heeft de den Nabab, zo van het gem: eerstgeteekende egter vermeend, Fort als van het conquest dat Hij na een langduurig aanwee„ „zen alhier, zijne gedagten nopens Laponettij, en de verdere Chettua met even zoo veel grond, kon opgeven als zijn Antecesseur, landen tússchen Chettua en die desselvs verhandelinge daar over maar in het eerste Jaar van desselvs Cranganoor geleegen, kunnen bestier ontworpen had, het geen mogelijk de hooge jndiase Re„ wij nogthans die Bezittingen „geeringe bewogen zal hebben, op des eerst getekendens vertoog ook niet beschouwen, als van wijnig eenige aan. eenige reflectie te slaan: wijlen de Heer aanbelang voor de Maatschap„ ordinair Raad schreuder, die ook locaale kennisse van de Mallabaar had, heeft „ pij Chettua insgelijks niet noodzaakelijk welke daar Redenen De N g'oordeelt, en dit is bij ondervindinge ook gebleeken, niet alleen in A. o 1774. toen schijnt in de AO s Nababs troupes, tot in het Rijk van Cranganoor getrokken zijn, maar ook missive van den Secreete zedert nog nader bij 's Nababs vijande „lijke inval zelvs: de Eerstgeteekende Heer Gouverneur Moens, de vermeend als nog in Gemoede, dat het geen Hij successive bij zijne brieven na dato 7. Maart, zoo veel Batavia, nopens het fort Chettua op„ „gegeven heeft, in der daad zodanig gele„ Chettua aangaat zijn ge„ „2 „gen is, en wierd hem gevraagd wat Hij hebben wij geensints van Coilan denkt, Hij zou behoudens allegeert, alle agtinge voor wijlen zijn Ante„ „cesseurs egter moeten bekennen, dat volleedig min nog gewigtig ƒ Coilan ook wel te missen is, en dat na genoeg bevonden om te kun„ zijn begrip, het behoud en floreeren deser stad niet van het aanhouden nen opweegen het Geenen door der voorsch: twee Forten afhangd, Extra het geen ten minsten, met relatie wijlen den Heer Raad tot Chettua reeds blijkt, alzo wij dat Jeuff voor heen fort nu al vier Jaar lang missen, en ordinair evenwel door gods Goedheijd ons hier nood„ wegens de nog bevinden, zonder dat de vijand betoogd is, een stap verder heeft kunnen doen, of dat het floreeren dezer stad daar zakelykheijd van het aan¬ door vermindert is; en van dit gevoe„ dier vesting en op fún¬ houden len zijn wij alle te samen en ijder van ons in het bijzonder, want zo min dament van 't welke, wij bij de vijand niet te beletten was, zo dikmaals Hlij wilde Chettua agter onze Letteren van 15. october 1773. zig te laaten leggen en tussen dat fort en Cranganoor vijandelijkheden tot die aanhouding verstaan hebben. te bedrijven, het geen men zelvs be„ § 292. 1 „voorens den sammorijn, die in geen Conperatie bij de Nabab kwam, niet heeft kunnen beletten, zo min zouden wij ook een vijand, die van de zuijd wilde van die v
English
would come, be able to prevent him from leaving Coilan behind him or cutting it off: for we would experience it only too surely, if (which we hope God may mercifully prevent) the Nabab Haijder Alijchan, who is currently with a good part of his troops in the Carnatic and Madura Kingdom, were ever to break through the Southern lines of Trevancoor at Cape Commorijn, how quickly everything in the Travancore country would give way before Him, what dreadful devastations he would commit in the Land, how speedily He with his force could appear before this city and halt trade, and then one would see that He would not even bother about Coilan or, if at all, would merely invest it just as He did Chettua; so that in this case it would principally depend on the southern lines of Trevancoor, which are very strong, at least stronger than his Northern lines, in which latter He relies most on our posts Cranganoor and Aijkotta. Paragraph 292. Regardless of the position that the fort of Chettua can be of no use to the Company, it can nevertheless, on the contrary, be of great use to the enemy, because He, having a large Military force, can strongly occupy the same with his own people, or also with troops from his conquered and adjacent lands, and indeed in case of a siege can immediately come to its aid with an Army in the field, as was demonstrated during our siege in January 1778, since it lies directly opposite the Zamorin's Kingdom and is only separated from it by a river that is fordable in more than one place: For this reason, and because the Company's dignity did not permit leaving this Fort in the enemy's hands, it would, in our humble opinion, have been good, in case one entered into negotiations and was absolutely unable to recover Chettua, to have been able to stipulate that it should then at least be demolished. We also consider it strange that, if Heijder Alij were left in possession of Chettua, one should then attempt to stipulate from him the demolition of the fort, and that this demolition was nevertheless judged necessary even if the same were evacuated again by the enemy. The former indeed seems fully to prove that the aforementioned Fort could in time be of service to the enemy, but then one would say that it must necessarily follow from this that the Company, regaining the same fort into its hands, could also derive benefit from it, which would be precisely the opposite of the urged necessity of its demolition. Paragraph 293. The lack of these possessions in itself is certainly of no small importance, but it was suggested as a possession of not such importance as to warrant continuing to wage war over it, in case the settlement of the matter might depend solely on that: meanwhile it has deeply pained us to have had to see this district fall into the hands of a Conqueror who respects nothing, but takes away everything that cannot offer resistance to his power, and we would so gladly have seen that we had been able to recover it. With regard to the Lands and places between Chettua and Cranganoor that have been taken by the Nabab, we have found only a representation of the manner in which the Company previously placed itself in possession of those Lands, which therefore does not suffice to convince us that the loss of those possessions is to be regarded as of little importance to the Company. Paragraph 294. For this reason, namely to help the Company recover its own if possible, it is that we (seeing that the Nabab would listen to nothing) made use of the prevailing circumstances and attempted to retake Chettua and hold it until further orders, or else, depending on circumstances, immediately demolish it, for which purpose the necessary ingredients were also brought along. Then it seems that the uncertainty and apprehension in which the Ministers found themselves regarding whether the Company could secure the return of what had been taken from it by the Nabab, had some influence on the description of the Loss that the Company would suffer in that case; indeed, the Ministers themselves seem to have changed their minds to some extent since then, as appears from their Later letters, indicating that they would make use of the favorable Opportunity which they judged was then presenting itself from all sides, to expel the enemy from the conquered lands, especially to retake the Fortress of Chettua from him. Paragraph 295. But not having been able to retake this fort, and since a skirmish took place on the 3rd of March 1778 in which the enemy lost much, the High Indian Government has instructed us to avoid all hostile actions henceforth, except one such as that of the 3rd of March aforesaid, by which we understand offering the necessary resistance in case we should be attacked, and meanwhile awaiting what turn affairs will take. We wish, therefore, that good success may have attended the expedition undertaken to that end under the command of the Captain sent hither from Ceylon, as otherwise, in the event of an unfortunate outcome thereof, it is easily foreseeable that one will have moved still further away from the objective of reaching an accommodation with the Nabab. 296. The Succor that was granted to the Ministers by the Government of Ceylon, added to the Good Testimonial that has been given to us concerning the abilities of the aforementioned Captain Wohlfarth
Dutch transcription
wilde komen, kunnen beletten, Coilan agter zig te laten leggen of af te snijden: want we zouden het maar al te gewis ondervinden, indien ( het geen we hoopen, dat God genadig verhoeden wil J de Nabab Haijder Alijchan, die tans met een goed deel zijner troupes zig in het Carnatische en Madureesche Rijk bevind, bij de Zuijdelijke linie van Trevancoor aan Caab Commorijn eens mogt doorbreeken, hoe schielijk alles in het Trevancoorse voor Hem wijken, welke ijsse„ lijke verwoestingen hij in 't Land zoude aanregten, hoe spoedig Hij met sijn magt voor deze stad zoude kunnen komen en den handel stremmen, en dan zoude men zien, dat Hij zig niet eens om Coilan bekreunen of indien al, het zelve insluijten zoude even gelijk Hij Chettua gedaan heeft; zodat het in dit geval voornamentlijk zoude aankomen op de zuijder linie van Trevancoor, die zeer sterk ten minsten sterker is als zijn Noorder linie, in welke Laatste Hij zig het meest op onze posten Cranganoor en Aijkotta verlaat. §. 292. Wij achten het ook vreemd, dat daar 3. 292. ongeagt de positie, dat het fort chettua de Comp: van geen niet kan zijn„ om zoo Heijder heeft men be zo kan het egter, in tegendeel den vijand van veel nut zijn, om dat Hij een groote Alij in het bezit van Chettua Militaire magt hebbende, het zelve. als dan te tragten met zijn eijge volk, of ook wel met trou wierd gelaten, pes uijt zijne geconquesteerde en na bij gelegen landen, sterk bezetten, Ja bij om van hem de slegting van 't fort belegeringe, ten eersten met een Leger des niet te min die in het veld bijspringen kan, gelijk te bedingen. dat bij ons beleg in Januarij 1778. geblee„ ken is, dewijl het direct tegen het sam slegting mede noodzakelijk is morijnse Rijk Legd, en daar van geoordeeld, al was het dat het zelve eenelijk afgeschijden is, door een revier, die op meer als een plaats door den vijand weder ontruijmt door waadbaar is: Hier om, en om dat het 'sComp. s agtinge niet toeliet, dit Fort in 's vijands hand te laten, zoude het na ons gering gevoelen L Het eerste immers Schijnt volko¬ goed geweest zijn, ingevalle men in onderhandelinge gekomen zijnde men te bewijsen, dat het voorsch: en Chettua absolut niet kunnende te rug erlangen, had kunnen bedingen, Fort aan den vijand in der dat het dan ten minsten geslegt tijd van dienst kan weesen, werde. wierd. maar n maar dan zoude men zeggen, dat hier uijt noodzakelijk vol¬ „gen moest, dat de Compagnie het zelve fort weder in handen krijgende ook daar van vrugt kon hebben, 't Geen juijst het tegendeel van de aangedrongene noodzakelijkheijd der slegting zoude zijn. §. 293. Met opzigt tot de Landen en N. 293. Het gemis van deze bezittinge op zig zelvs, is zeker van geene klijne aan„ plaatsen tusschen Chettua en „gelegendheijd, maar het is als geen be„ zittinge van die aangelegendheid in bedenken, Cranganoor, die door den Nabab „ge gegeven, namentlijk om er om te blijven oorlogen, ingevalle het bijleggen van de ingenoomen zijn, hebben wij zaak daar van alleen mogt dependeeren: intussen heeft het ons innig gesmert, slegts een vertoog aangetroffen dit district te hebben moeten zien val„ „len, in handen van een Conquirant, van de wijze, waar op de Comp: die niets ontziet, maar alles weg„ zig voorheen in het bezit dier „neemt, het geen zijn magt geen tegenstand kan bieden, en wij zouden Landen gesteld heeft, dog 't geen zo gaarne gezien hebben, dat we het hadden konnen te rug erlangen. derhalven niet voldoed om ons te overtuijgen, dat het Gemis van die bezittingen als van Geringe nt geringe aangeleegenheijd voor de Comp:e is aan te merken. §. 294. Dan het Schijnt, dat de onzeeker¬ §. 294: Hierom, namentlijk om de Compe, waare het mogelijk weder heijd en de beduchting, waar in de aan het Haare te helpen is het, dat Ministers zig hebben bevonden, of wij (ziende, dat de Nabab na niets wilde hooren J van de tijds omstan„ de Maatschappij zig bezorgen zou„ „digheeden gebruijk Gemaakt en beproeft kunnen de te rug gaave van het hebben, om Chettua te herneemen en aan te houden tot nadere ordre, geen haar door den Nabab ontnoomen of ook wel na maate van de om„ standigheeden aanstonds maar was, eenige invloed gehad hebben, te slegtten, waar toe ook de nodige p ingredienten mede genomen zijn. op de beschrijving van het Verlies, Comp: in dat geval zou 't geen de de Mi„ leijden; immers schijnen Zeedert zelve eeniger mate „nisters van begrip te zijn verandert, dewijl hunne Latere brieven blijkt, uijt dat men zig bedienen zoude van de favorable Gelegenheijd die zij oor„ „deelden dat zig als toen van alle kanten op deed, om den vijand uijt de veroverde landen te verdrijven speciaal n speciaal de Vesting Chettua van hem te herneemen. §: 295: Wij wenschen derhalven dat van §. 295. Dog dit fort niet hebbende kunnen her „neemen, en zedert of den 3. Maart 178. een den goed succes moge zijn geweest schermutselinge voorgevallen zijnde, waar bij de vijand veel verlooren heeft, de expeditie die ten dien eijnde, on„ heeft de Hooge Jndiase Regeeringe ons Ceilon bevel van den van aangeschreeven, om voortaan alle vijan„ „delijke acties te vermijden, uitgenomen Capitain gezonde erwaards herw een diergelijke als den 3. Maart voor„ „schreeven, waar door wij verstaan, de nodi„ worden gedaan, „ge tegenstand te bieden, ingevalle we ge-attacqueerd mogten worden, en ongelukkige een dewijl anders bij intussen aftewagten, wat keer de zaa„ „ken zullen neemen. ligt te voor„ selve uijtslag van verder zig nog zien is, dat men zal hebben van het verwijder om met den Nabab oogmerk een vergelijk te treffen 296. Het Secours tgeen door het Ceilon aan Gouvernement van de Ministers, verleend is, gevoegt bij het Goede Getuigen is, dat ons nopens de bekwaamheeden van gem: Capitain Aohlfarth is gegeeven
English
nothing might be undertaken by the Nabab at sea. We therefore also saw with pleasure that Your Excellencies, in satisfaction of the ministers' repeated urgings, had resolved to send the ships Groenendaal and the Indiaan to this Coast for the said purpose as early as possible. Section 300. Those ships, however, had not yet arrived by the departure of the ministers' letter of 2 January, and this might perhaps have placed them in embarrassment, had they not found themselves in a state, through the arrival from Ceylon of the ship Willem de Vijfde, to let that vessel cruise off the island of Baipin, after having received news that the Nabab's fleet had appeared in the Calicut roadstead. Section 300. We would certainly have been brought into great embarrassment by the long delay of the ships then expected, with regard to the enemy, if the ship that comes here annually from Ceylon to collect pepper had not arrived in the meantime, whereby we could send the same to cruise off the island of Baypin just in time: but the long delay of the said ships, especially the first named, De Indiaan, although it was dispatched from Batavia early enough, nevertheless deranged trade so much at that time that we still feel the consequences thereof, to our regret, which would seem almost unbelievable if we did not demonstrate it in more detail: we therefore request Your Right Honourable's permission to be allowed to demonstrate in this respect how an excessively large supply or no supply at all of merchandise here depends on the early or late arrival of the ships, and how this deranges trade here. Section 301. In the early monsoon, namely in November and December, the ordinary bombaras successively arrive here, which is called the large fleet, which, finding no cargo in the month of December, do not wait, but depart at their fixed time, whether with or without cargo, or in passing go spend their money elsewhere for whatever they can get, and which departure is so fixed with them that for no reason in the world do they stay longer than their appointed time; of which so-called large fleet, some, but very few, come back a second time in the late monsoon or properly in March or in the beginning of April, which is called the small fleet: if everything goes well, there is a chance here to vend two full shiploads a year, at least regularly every other year, to wit, one year two ships and one year one ship: so that if the ships arrive here after the month of December, the bombaras are then gone. If one would now please recall that three years ago, the Indiaan and Groenendaal arrived here shortly after one another, after December, namely on 2 and 23 January, it then appears that the bombaras were gone and that thus for those two shiploads there was no other prospect than solely the small fleet, which could take along very little of consequence compared to two shiploads: thus we were left with a large quantity, which was then still taken over by the merchants in the hope that they would be able to vend that quantity in the following monsoon, for the price of the year before, which they later greatly regretted, as the following year the ships the Concordia and the Mentor, through prosperous voyages, arrived here early, at least the Concordia, in which case that early arrival was indeed good on account of the enemy, but not with respect to the merchandise, especially the sugar, because the merchants then still had such a considerable remainder; so that in order not to leave these two further shiploads unsold, but to dispose of them as well as the previous ones, there was no other choice than to reduce the price, namely down to 10 3/4 ropias per 100 lb, although previously considerably less was made here for it, and even well below 10 ropias; through this and through postponement of payment we then also disposed of those two entire shiploads from the Concordia and the Mentor; and it has now appeared to us in hindsight that we did very well in this, as the merchants (although by means of bartering and by sending it here and there at their own risk, they still disposed of a fair quantity) nevertheless gained practically nothing, and are still left with a remainder thereof, and therefore did not dare to take over the cargo of the ship that arrived the year after or last year, with the exception of the Japan copper, although they nevertheless recently took it over, only at the closing of our books, with much hesitation and difficulty, and also upon our promise of a fair postponement of payment, for the same price as last year. Number 301. The failure of the said ships to appear had already had a detrimental influence on the Company's trade, because this time, according to the ministers' writing, one would have been able to sell a very large quantity of spices to the bombara traders, but which traders, already coming down here in the month of October, had been obliged to depart with their business unaccomplished, so that the ministers were not without fear that the said traders, being disappointed once and again
Dutch transcription
geen van weegen den Nabab ter zee mogt worden ondernomen. Wij zaagen derhalven ook met genoegen dat VE: ter voldoening aan der Ministers herhaalde instantien, hadden beslooten de Scheepen Groenendaal en de Indiaan tot het gemelde eijnde, zo vroeg mogelijk, naar deze Cust te zenden §: 300. Die scheepen waaren egter bij §: 300. wij zouden zekerlijk door het lange agter blijven van de toenmaals het afgaan van der Ministers verwagt werdende scheepen in Groote Letteren van den 2. Januarij al„ verlegendheijd gebragt zijn geworden, met betrekkinge tot de vijand, indien daar nog niet aangekoomen, en het schip, dat Jaarlijks van Ceijlon dit zou misschien hen in ver„ hier komt, om Peper aftehaalen, niet intussen was aangekomen, waar door we het zelve nog effen in tijds, leegenheid hebben kunnen bren onder het Eijland Baijpin konden „gen, indien dezelve door de aan doen kruijssen: maar het Lange uijtblijven der gem: scheepen, in„ zonderheijd van het eerste genaamd, komst van Ceijlon, van het De Jndiaan, schoon het vroeg tijdig genoeg van Batavia verzonden schip Willem de vijfde, zig was, heeft egter den handel toen zo zeer gederangeert, dat we de gevol„ niet hadden gevonden in staat „gen daar van, tot ons Leedweezen, nog gevoelen, het geen bij na on„ om dien Bodem, na bekomen „gelooffelijk zoude voorkomen, in„ „dien tijding „dien wij zulx niet nader aantoonden: tijding, dat 's Nababs vloot op de wij verzoeken dus verlof vwr wel Ed: Hoog Agtb: ten dezen opzigte temogen Calicoetse rheede was verschee„ vertoonen, hoe van de tijdige of laten aankomste der scheepen, een al te grote nen, onder het eijland Baipin 3 voorraad of in 't geheel geen voorraad van handel wharen alhier afhangd, en telaaten kruijssen. hoe zulks den handel hier derangeerd. §. 30V i Jn de voormoússon, namentlijk in November en December komen successive hier de ordinaire Bombarassen aan, die men noemt de groote vloot, die in de maand December geen ladinge vindende niet wagten, maar op hunne gezette tijd, het zij met of zonder ladinge heen gaan, of empassant elders hun geld, voor het geen ze krijgen kunnen, gaan besteeden, en welk vertrek bij Hun zo vast staat, datze om geen reeden ter wereld, Langer blijven als hun bestemde tijd is, van welke zo genaamde groote vloot, in de namousson of eijgentlijk in Maart of in 't begin van April wel eenige, dog maar zeer wijnige voor de tweedemaal weder komen, die men de klijne vloot noemd: als alles wel gaat, dan is 'er kans, om hier 's Jaars twee wolle scheepsladingen te verdebiteeren, ten minsten om het andere Jaar vast, te weeten, een jaar twee scheepen en een Jaar een schip: zo dat indien de scheepen na de maand xber: hier komen de Bombarassen dan weg zijn indien men zig nu eens geliefd te herinneren, dat over Drie Jaeren, d' Indiaan en Groenendaal, hier kort agter elkander, na December aange„ komen zijn, namentlijk den 2: en 23' Januarij dan blijkt het, dat de Bom„ „barassen weg waaren en dat dus voor die twee scheepsladingen geen an„ „dere uijtzigt was, als eenelijk de klijne vloot, die van belang maar wijnig mede kon neemen in vergelijk van twee scheepsladingen: dus bleeven wij met een groote quantiteijd zitten, die toen door de kooplieden op hoop dat ze die quantiteijt in de volgende Mousson zouden konnen verdebiteeren, nog overgenomen is, voor de prijs van het jaar bevoorens, het geen Hun nader¬ „hand zeer berouwd heeft, alzo het volgende Jaar de scheepen de Concordia en de Mentor, door voorspoedige rijzen hier vroeg, ten minsten de Concordia„ arriveerden, in welk geval die vroege komst wel Goed was, om de wille van den vijand, maar niet met betrekkinge tot de handelwaaren, in zon„ derheijd de zuijker om dat de kooplieden toen nog zoo een Considerabele restant hadden; zo dat om deze twee nadere scheeps-ladingen niet onver„ „kogt telaten leggen, maar zo wel als de voorige van de hand te zetten er niet anders op was, als de prijs te verminderen, namentlijk tot op 10. ¾. ropias de 100: lb: schoon men bevoorens hier nog vrij minder daar daar voor gemaakt heeft, en zelvs wel beneeden de 10. ropias; hier door en door uijtstel van betalinge hebben we dan ook die twee geheele scheepsladingen van de Concordia en de Mentor nog aan den man geholpen; en het is ons nu van agteren gebleeken, dat wij in dezen zeer wel gedaan hebben, alsoo de kooplieden (schoon door middel van troqueeren en door het verzenden voor hunne risico hier en daar na toe, nog al een tamelijke quantiteijd van de hand gezet hebben7 egter genoegsaam niets gewonnen hebben, en als nog met een restant daar van zitten, en daarom de Ladinge van het schip dat het Jaar daar aan of vverleedene Jaar gekomen is, uijtgenomen het Jappans koper, niet hebben durven overneemen, schoon ze egter dezelve on„ „langs eerst bij 't sluijten onzer boeken, met veel horten en stooten, en ook op onze belofte van een tamelijk uijtstel van betalinge, nog overgenomen hebben, voor de zelfde prijs van verleede Jaar. N. 301. Het niet opdaagen nu van Gemelde Scheepen, was reets op Comp:s handel van nadeelige invloed Geweest, door dien men aan de Bombaraes vaar„ „ders ditmaal een zeer groote quan„ „titeijt specerijen, volgens der Mi„ „nisteren schrijven, zoude hebben kunnen stijten, dog welke Hande„ laars reeds in de maand October herwaards afkomende, onverrigter zaaken hadden moeten Vertrecken, zulx de Ministers niet sonder vrees waaren dat Gemelde Hande¬ „laars zig een en andermaal te leun
English
302. It was primarily to prevent this that the Ministers in the past year, in a similar situation, had a consignment of sugar and spices discharged from the ship Ouwerkerk, destined for Surat, upon the occasion of its arrival in these roads, but this time they lacked the opportunity to do so. Furthermore, Your Honours have instructed the Ministers, not without reason, to be sparing with such discharges in the future, as great disservice could thereby be done to other offices, causing traders to direct their voyages elsewhere, having found themselves disappointed. 303. We must therefore urge all the more strongly that, of those products of which the Company has a great abundance, such a supply should always be maintained at this office that trade with the merchants arriving here can continue, even if the ship or ships from Batavia do not appear at the appointed time. 304. Of the merchandise brought by the ship Groenendaal, the spices having been taken over by the merchants at the ordinary prices and the Japanese bar copper at the price of the previous year, yet the powdered sugar at 11 3/4 and the candy sugar at 18 1/2 rupees per 100 lb, or at higher than the most recent previous prices, this latter answers to the expectation that we already held thereof in the past year, as shown by section 263 of our General Missive. 305. Regarding the extension of credit to the merchants, this is carried out with all circumspection, but necessity absolutely requires that they be granted credit according to the circumstances if one wishes to dispose of the goods. Our merchants are propertied and wealthy people, even possessing much real estate in this country, yet they cannot always furnish cash, and even less such considerable sums of capital all at once. They have now served the Company for so many years and have never fallen a single penny behind. Moreover, the trade goods remain in the Company's warehouse virtually as a pledge, and the delivery of the goods is arranged in proportion to their bringing money into the treasury, while in the meantime the goods, having been sold to them, remain at their expense and risk, however low the prices of the goods might fall, whereas otherwise they would have to remain lying idle and interest-free at the Company's expense and risk. 305. Furthermore, we pass over the fact that credit was newly granted to the merchants on account of the low demand for the Japanese bar copper, and all the more so since upon the dispatch of the Ministers' letter of 2 January 1778, the greatest part of that debt had been paid off. We must, however, recommend that the Ministers always proceed herein with the requisite caution and as sparingly as possible, since besides the risk, the lesser profit that the Company enjoys due to the deferred payment ought also to be taken into consideration. 306. As absolutely no buyers presented themselves for the arrack, and therefore, according to the Ministers' letter, no requisition has now been made for it, we hope that for the 50 leaguers that Your Honours have sent to this office, a useful and profitable use will be found there. 307. Concerning the purchase of these 34,144 cans of arrack, an explanation has already been given in the answering extract from Your Right Honourable, Highly Respected Missive of 25 September 1778, inserted in our letter under date 2 January 1780 to the Supreme Indian Government at Batavia, and this in section 268, to which we respectfully refer. 307. Regarding the purchase made of 34,144 cans of arrack, we have already expressed our misgivings in the General Missive of the past year, section 268. Referring to what Your Honours wrote to the Ministers by letter of 30 December 1777 to prevent such expensive purchases, we shall await their explanation regarding the contradiction that Your Honours seem to find in the fact that in the financial year 1776/1777 the arrack sent from Batavia had no sale, and yet in the previous financial year a purchase thereof was made by the Ministers. 308. Leaving for what they are worth the reasons that Your Honours gave in your reply of 29 October 1777 with regard to our surprise that Your Honours had not entered into any discussion of the grounds upon which Governor Moens had proposed to send two ships laden with merchandise annually to this office, we refer to the authorization that we granted Your Honours on that subject in our aforementioned General Missive of the past year, section 346. 309. And we are further satisfied with the Ministers' report in their marginal response to what was written by us in the letter of 30 October 1776 concerning the proposal of the aforementioned Governor to have the second ship here only in the month of January or February. 310. No use having been made of this plan to supply Ceylon with rice from here, 310. We now see that this stipulation was made because the rice that was to be sent with that second vessel
Dutch transcription
302: Het is voornamentlijk geweest om dit voor te koomen, dat de Ministers in den voorleeden Jaere in een Gelijk standig geval uijt het naar Souratte Gedestineerde schip Ouwerkerk een parthij zuijker en specerijen bij geleegent„ „heijd van desselfs aankomst ter deezer rheede, hebben doen ligten, maar hier toe had hen ditmaal de occasie ontbrooken. Ook hebben VE: niet sonder ree„ „den de Ministers aangeschreeven met zulke ligtinge in het ver„ volg spaarsaam te zijn, alsoo door dezelve aan andere Comptoi¬ „ren Groote ondienst zou kun, „nen Geschieden. hunne vaart naar elders zouden rigten. leur gestelt hebbende gevonden, N. 303. §. 303. Wij moeten over zulx naader, op ^ aandringen, om van die producten het sterkste waar van de Comp: een groote overvloed heeft, ten deezen Comptoire altoos een zodanigen voorraad te doen zijn, dat den Han„ del met de hier aankomende traef„ „ficquanten voortgezet kan worden, al is het Schip, of de Scheepen van Batavia, niet op den bestemden tijd verschijnen. §. 304. Van de koopmanschappen met het Schip Groenendaal aange¬ „bragt de specerijen voor de ordinai„ „re, en 't Japans Staafkoper voor de prijs van het voorige jaar, dog¬ de Poeder Suijker voor 11: ¾. en de Candij Suijker voor 18½. ropias de 100. lb:, of tot hoger, dan de Jongst voorgaande prijzen, door de kooplieden overgenoomen zijnde, beantwoord dit Laatste aan de verwagting, die wij §. 305. Noorts passeeren wij, dat aan §: 305. Jn het Crediteeren der kooplie„ „den werd met alle om zigtigheid tewerk de kooplieden uijt hoofde van gegaan, dog de noodzaakelijkheid ver„ eijscht absolut, dat men hun na ma„ den geringen aftrek van het „te van de omstandigheeden Crediteerd, wild men de goederen aan den man Iapansch staaf kooper, op helpen: onze kooplieden zijn gegoede en bemiddelde lieden, hebbende zelv nieuw Credit was gegeeven, veele vaste goederen hier te lande, dog kunnen niet altoos Contanten en nog te meer alzoo bij het afgaan minder, zulke aanzienlijke Capitaalen te gelijk fourneeren; ze hebben de Com„ van der Ministers Letteren „pagnie nu al zo veele Jaaren bediend, maar zijn nog nimmer een enkelde van 2. Januarij 1778. , het penning ten agteren gebleeven; buij„ grootste gedeelte van die „ten des, zo blijven de Negotie goederen in 'sComp. s Pakhuis genoegzaam als schuld was afgelegd in pand leggen, en het afgeven van de Wij moeten egter de Ministers goederen, schikt men na maateze geld in Cas brengen, terwijl intussen de goederen aan hun verkogt zijn „ recommandeeren om hier in „de, voor hunne reekeninge en risi„ „co blijven leggen, hoe laag de prijzen steeds met de vereijschte voor„ der goederen mogten daalen, daar dezelve anders voor 's Comp: reeke„ zigtigheijd en zoo spaarsaam ning en rifico ook tog renteloos mogelijk te werk te gaan, de„ zouden moeten blijven leggen. „wijl buijten de risico ook het wij in den voorleeden Jaere, uijtwij„ sens §. 263. onzer Generaale missi„ „ve daar van als toen reeds gehad hebben. minder ƒ §. 306. Noor. de Arack zig in 't geheel geen Liefhebbers opgedaan hebben „de, en daarom, volgens der mi„ nisters Schrijven, van dezelve al Eijsch Gedaan zijnde, nu geen willen wij hoopen, dat voor de 50. Leggers, die UE: naar dit Comptoir gesonden hebben, al„ daar een nattig en voordeelig gevonden zal weezen. emploij §. 307. over den gedaan en inkoop van §. 307. Nopens den jnkoop van deese 34144: kannen Arak, hebben arrak is reets-elucidatie gegeeven, bij het beantwoord Extract uijt vw wel Edele Hoog Agtb: Hoog geres„ wij reeds onze bedenkelijkheijd „pecteerde missive van den 25. Sep„ te kennen gegeeven bij de Gene„ „tember 1778. g'insereert in onzen briev onder dato 2. Januarij 1780. rale missive van den voorleeden aan de Hooge Jndiase Regeeringe te Batavia, en zulks bij §. 268: –. jaere N: 268. Een ons gedragen„ waar aan we ons eerbiedig ge„ „de aan 't geen VE: de Ministers, „dragen. minder voordeel, 't geen de Maat„ schappij door de uijtgestelde betaa„ „ling Geniet, in aanmerking be„ „hoord te komen. tot tot voorkoming van diergelijke duure inkoopen bij letteren van 30. xber: 1777. hebben aangeschree„ „ven, zullen wij afwagten hun„ ne elucidatie nopens de strijdig„ „heijd, die VE: daar in schijnen te vinden dat in het boekjaar 177 3/7. de arack van Batavia gesonden, geen debiet gehad heeft, en egter in 't voorige boek¬ „jaar daar van een inkoop door de Ministers Gedaan is. §. 308. Liefst in haar waarde zullen„ „de laaten de reedenen, die VE: bij derselver rescriptie van den 29. october 1777. hebben gegeeven ten aansien onser bevreemding, dat door VE. niet was getreeden in eenige Discussie van de gronden, waar op door den Heer Gouverneur Moens was voor¬ geslagen, §1. 309: En wij neemen voorts genoegen met der Ministers Berigt bij hun margenaal antwoord op het door ons geschreeven en bij Letteren van 30. 8ber: 1776. , we„ gens de Propositie van gend: Gouverneur om het Tweede Schip eerst in de maand Januarij of februarij alhier te hebben. § 310. Wij zien thans, dat die bepaling §. 310: van dit Project om Ceijlon is gemaakt uijt hoofde men van hier met rijst te voorzien, de rijst, welke met dien tweede geen gebruijk gemaakt zijnde, zoo geslaagen, om Jaarlijks na dit Comptoir Twee scheepen met koopmanschappen beladen afte„ zenden, refereeren wij ons tot de qualificatie, die wij VE: op dat sujet hebben verleend, bij meer gemelde onze Generaale missive van den voorleeden jaere §: 346. — Bodem aen
English
so that the same has lapsed, except that, since we no longer hold the conquest of Paponettij, our former granary, and due to the present increased distributions of rice and the larger stock thereof that must now be kept in our dispensary, we have quite enough work in these restless and critical circumstances to procure and keep in store an adequate quantity of rice, at the very least for a full year; to which is also added that, owing to the circumstances of the times, rice is gradually becoming more expensive along this Coast. Moreover, a vessel that would have to be sent to Ceilon could not be obtained any earlier, and consequently, in times of peace, a second ship would meanwhile be of no service. This arrangement is therefore to be regarded as proof of very good deliberation. However, if the ministers add thereto that the sugar which would be brought with that vessel would, upon receipt, be disposed of, if not entirely, then at least for the greatest part, and that a portion thereof might well remain over to accommodate the arriving merchants therewith in the early monsoon, we must remark with regard to the latter that the sugar account is not so profitable that it can bear a long outlay of funds, not to mention the spoilage to which this article is subject. § 311. Concerning this, the necessary reply was written beside the extract from your Right Honourable missive of 8 October 1777, paragraph 416, inserted in our general letter written to Batavia on 5 January 1779, to which we respectfully refer with your Right Honourable approval. § 311. With regard to the sale of pepper to the Bombarad traders and the considerations whether and to what extent that sale can take place without prejudice to the requirements for Ceijlon, we look forward to the reply from you and the ministers to what was noted by us in that regard in the General Missive of the year 1777, paragraphs 416 and 417. § 312. The king persists in the annual delivery of 2000 Candijllen of pepper, more or less. In response to our representations, we certainly receive promises of a larger delivery, but these remain without effect, and it appears sufficiently clear that His Highness has made such arrangements for his pepper that only that quantity has been allotted to us, and that he cannot be moved to make any change therein. § 312. As for the collection of pepper itself along this Coast, we saw with great regret that the hope we had conceived in the past year—that the King of Trevancoor would finally deliver to the Company the 3000 Candijlen of pepper stipulated in the contract—had now once again completely vanished, as his latest delivery amounted to considerably less than that of the previous year, while most recently no more than 1052750 lb in general had been collected along this Coast. § 313. According to the report of the ministers, the said prince appears to have resolved to deliver annually not much more than 2000 Candijlen of pepper, while he never lacks pretexts to excuse himself for not fulfilling the contract. Whether the quantity that the prince withholds from the Company serves to increase the collections made by the English, or whether he relinquishes it to the native merchants in a far more profitable manner, or whether both are the case, the Company meanwhile remains deprived of its rightful share. § 314. No opportunity has been had for a meeting with that prince, despite all the measures employed for that purpose; nevertheless, the first-signed held a detailed conference with the king's First Minister of State, and on that occasion pressed the article of pepper as strongly as possible, as is to be seen § 314. It will therefore be necessary to consider means to finally obtain better success from the repeated representations made to the king, while we hope that
Dutch transcription
zoo is het zelve vervallen, behalven Bodem naar Ceilon gesonden dat wij het Conquest Paponettij zou moeten worden, niet vroe„ (onse geweeze koorn schuur / nu niet hebbende, en wij wegens de tegenswoordige meerdere ver„ger kan bekoomen, en mits „strekkingen van rijst en den meer„ dien, bij vreedige tijden, een „deren voorraad, die daar van tans in ons Dispens diend te zijn, sodanig Tweede schip mid„ werks genoeg hebben, om in deeze onrustige en Critique tijds om„ delerwijl van geen dienst zou standigheeden een genoeg doende, quantiteijd rijst, ten aller minsten weezen. voor een rond Jaar te besorgen, en in voorraad te houden, waar bij Deeze schicking is mits dien ook komt, dat de rijst wegens de tijds omstandigheeden ter als een bewijs van een zeer goed deezer Custe gaande weg duurder overleg aan te merken, dog in de MMinisters daar bij dat de Zuijker welke voegen, met dien bodem zou aange¬ „bragt worden, bij den ontvangst, zoo niet geheel, ten minsten voor het Grootste Gedeelte zou van de hand gaan, en dat van dezelve wel een parthij mogt overblijven; om daar mede in de vroeg Mousson de aanko„ mende Handelaars te gerieven, moeten e word. §. 312. De koning blijft bij het jaarlijks moeten wij ten aansien van dit laatste remarqueeren, dat de zuijker Reekening niet zoo voordeelig staat, dat dezelve een lang uijtschot van pennin„ „gen kan draagen, ongereekent het bederf waar aan dit arti„ cul subject is. §: 311. Met opsigt tot de verkoop van §. 311: Deezen aangaande is het nodige gerescribeert, ter zijde van het Extract, Peeper aan de Bombaradvaarders uijt uw wel Edele Hoog Agtbaare mis„ en de Consideratien of en in hoe „sive van den 8. october 1777. 5. 416. , ge„ „insereert in onsen generaalen brief verre die verkoop buijten praejudi¬ den 5. Januarij 1779. na Batavia ce der benodigtheijd voor Ceijlon geschreeven, waar aan wij ons met vwr wel Edele Hoog Agtbaare goedvinden eerbiedig refereeren. kan geschieden, blijven wij te ge„ „moed zien uwe en der Ministers recriptie op 't geen door ons dien aangaande is Gemarqueert bij de Generale missive van het jaar 1777. 3. 416 en 417. Wat nu den insaam zelve van §. 312: leveren van 2000. Candijllen peper de Peper ter deeser Custe betreft, min n des min of meer; beloften krijgen wij wel des weegens zaagen wij niet dan op onze vertoogen, tot een grooter leveran„ „tie, maar die blijven zonder effect zeer ongaarne, dat de Hoop, die en het blijkt genoegsaam, dat zijn Hoogh:t zodanige bestellingen van wij in den voorleeden Jaere had„ zyne peper gedaan heeft, dat ons die den opgevat, dat de koning quantiteit maar is toegedeelt, en dat„ Hij niet te beweegen is, daar in ver„ van Trevancoor eijndelijk eens „anderinge te maaken. aan de Maatschappij zoude Leeveren. de bij het Contract bedongene 3000: –. Candijlen Peper, nu weeder ten eenemaal ver„ dweenen was, als hebbende desselfs Jongste Leverantie on„ gelijk minder bedraagen dan die van het voorige jaer, terwijl laatst ter deeser Custe in het Generaal niet meer ingesamelt was dan 1052750. lb: 313. volgens het Berigt der Mi„ nisters Schijnt Gemelde vorst te hebben, om jaar„ zig bepaalt lijkse niet veel meer dan 2000: Candijlen Peper te leeveren, terwijl terwijl het hem nimmer aan uijt om zig wegens vlugten ontbreekt het niet voldoen van het Con¬ „tract te verschoon Het zij nu de quantiteit, die de vorst aan de Maatschappij ont¬ „houd tot vermeerdering streckt der inzaamen die door de Engel„ sche Geschieden, off dat Hij dezel„ „ve op een veel voordeeliger wijze aan de Landijsche kooplieden afstaat, dan wel dat zulx beij¬ de plaats heeft, de Compagnie blijft inmiddels van haar regtmaatig aandeel verstoken. Het zal derhalven nodig zijn 314. §. 314. Tot eene ontmoeting met dien vorst heeft men geene geleegentheijd op middelen bedagt teweezen, gehad, ongeagt alle de daar toe aange„ „wende middelen, maar de eerstgetee„ om van de herhaalde vertoogen „kende heeft egter met 's konings Eersten bij den koning eijndelijk een staats Minister een omstandige Con„ „ferentie gehouden en bij die gele„ beeter succes te mogen er„ „gendheijd het articul van de peper ook zo sterk aangedrongen als mo„ langen, terwijl wij Hoopen, gelijk is geweest, gelijk dat te zien dat