VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 10319

Malabar · 718 pages · 128 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_10319_0003 view scan ↗

English

Malabar ordinary and secret 18 October 1737. 6 One volume. Letters and Papers from Malabar. dated 18 October 1787. item Secret of the same date. annexed hereto. received from A. - forwarded 1788. Register of the Papers which by order of the Right Honorable Lord Johan Gerard van Angelbeek Extraordinary Councillor of the Dutch East Indies, Governor and Director on the coast of Malabar, together with the Council at Cochin, to the Noble High Mighty Lords Directors in the Meeting of the Seventeen representing the General East India Company of the United Netherlands in the Presidial Chamber Amsterdam via Ceylon are sent, as: No 1. Original missive under today's date written by and to as in the heading of this document ditto 2. Secret packet addressed to the same 3. Copy of letters to Their High Excellencies the High Government of the Dutch East Indies written at Batavia on 18 January, 25 February, 20 March, 12 April, 14 June, and 18 September of this year 4. Copy of the Resolution book beginning with 16 April 1786 until 3 March 1787: ditto 5. copy of answered Batavian Requisition for the year 1787. Dated Batavia, 25 September 1786. 6. Extract Resolution taken in Council of Malabar on 22 January of this year regarding the outstanding debts in the books of 1785/1786 7. Account of such European merchandise as in the past year here in town were sold by private individuals, showing the prices obtained therefor: no European merchandise traded here thus no account is sent. 8. Account of such merchandise, Provisions, Materials, etc. as were purchased from 1 September 1785 until the end of August 1786, showing their quantity and prices. 9. Return of the merchandise traded in the year 1785/1786 after deduction of expenses 10. General return of various merchandise that were turned over during the said Financial Year, dated the end of August 1786, after deduction of expenses No 11. Return of such goods as from 1 September 1785 to the end of August 1786 were purchased and sold on the Company's behalf, dated the end of August 1786. 12. Balance sheet drawn from the trade books of this Government for the year 1785/1786. 13. Memorandum of such pepper as from mid-December 1785 to 15 December 1786 was collected on this coast. 14. Current Account of the powdered sugar sold in the financial year 1785/1786. No 15. Copy list showing the quantity and quality of the goods brought by foreign ships and native vessels, the prices for which they were sold, and which merchandise was exported again, dated the end of August 1786. ditto 16. Muster roll of the persons who successively deserted from here from mid-March 1786 until 21 February 1787. 17. Current Account of the King of Travancore dated 1 May 1786. 18. Current Account of the King of Cochin dated the last day of August 1786. 19. Specific Account of the State of the Treasury of this Government dated the last day of August 1786. 20. Account of the General remainders according to the trade books as of the end of August 1786, both at Cochin and at the subordinate outer stations. No 21. Extract resolution of 28 May last regarding the arrival on this coast of the ship Gouda ditto 22. Copy Journal of the Master Attendant Johannes van Blankenberg regarding his actions outside Cochin for the assistance of the aforementioned ship Gouda 23. Extract resolution of 11 June of this year concerning the arrival of the above-mentioned ship at Tuticorin and the arrangements concerning the same 24. Extract resolution of 12 June last concerning expenses incurred on that occasion 25. Copy of letter written to Colombo on 14 June of this year regarding the ship Gouda 26. Extract resolution of 22 June aforesaid regarding expenses incurred by the master Arnoldus Messemaker and losses suffered by him on his journey to and from Tuticorin hither. No 27. Extract of Colombo letter of 10 July of this year in which the Ministers notify that they will send the ship Gouda to Batavia. ditto 28. Extract resolution of 4 August last containing orders to hold certain goods from the repeatedly mentioned ship Gouda and also from the ship Veere on Ceylon or to send them to Batavia, as people here are already well supplied with them 29. Copy of letter written to Colombo on 11 August last to retain there certain goods from the cargo of the ship Gouda and that of Veere 30. Extract of Colombo letter of 17 September last in which the Ministers declare that what was offered to them from the cargo of Gouda had come in very handy 31. Extract resolution of 20 February last regarding the unreceived water cask No 2 dispatched for Cochin with the ship Zeeland. 32. An invoice of back-calculation amounting to 23 guilders 12 stuivers 8 pennies for one piece of water cask numbered 2, which according to the invoice was sent with the ship Zeeland for this Government but was not received here. 33. Extract resolution of 18 September last regarding the aforementioned water cask No 2. 34. Requisition for various necessities for the year 1789/1790. 35. List of four pieces of drafts to the Netherlands. Cochin, 18 October 1787. Adriaan Boobvliek Secretary

Dutch transcription

Malabaar gem: en secr: 18 octob: 1737. 6 Een band. Brieven en Papieren van Mallabaar. dato 18 October 1787. item Secreete van denzelfden datum. hier agter gevoegd. van A. ontvangen - overg: 1788. Register der Papieren dewelken ter order van den welede„ „len Groot achtbaaren Heer Johan Gerard van Angelbeek Raad Extraordinair van Neder„ „landsch Jndiën Goeverneur en Dereko. „teuer ter kuste Mallabaar, nevens den Raad te koetsiem, aan de Edele Hoog achtbaare Heeren Bewindhebberen ter Vergadering van Zeeventienen representeerende de Generaale Oost¬ Jndische Matschappij der ver¬ eenigde Nederlanden ter Pre¬ „sidiaale Kamer Amsterdam over Ceilon worden gezonden, als: N„o 1. Origneele missive onder hedigen datum door en aan als in den hoofde dezes geschreeven d„o 2. Sekreet pakket aan hoog dezelven Gericht 3. Kopij brieven aan Hunne Hoog edelheden de Hooge Regeering van Neder„ „landsche Jnden te Batavia geschree„ „ven den 18: Januari 25 feb=r: 20 No 4. de kas. in 6. geen Europasche Koopmanschappen hier verhandelt dus gaat geen notietsie over. Kopij Resoluutsie boek beginnende met den 16=e April 1786. tot den 3 Maart 1787: d„o 5; kopij b'antwoorde Bataviasen Eisch voor den Jaare 1787. Gedateerd Ba„ „tavia den 25. September 1786. Extrakt Resoluuitsie genoomen in Raade van Mallabaar op den 22. Januari dezes Jaars raakende de uitstaan„ „de schulden bij de boeken van 178 /16 rolietsie van zodanige Europasche koopmanschappen als in anno passato hier ter steede door partikulieren verkocht zijn met aantooning der prijzen daar voor behaald: Notiessie van zodanige koopmanschappen, Provisien, Materiaalen inz: als er, Ieder p=mo September 1785. tot ult=o „met August:s 1786. ingekocht zijn „ aan„ „tooning van der zelver quan„ titeit en prijzen- 20 Maart, 12 April 14. Iuni, en 18 September deezes Jaars Rendement 7. 8 No 11. 13. 14. Rendement van de verhandelde negootsie waaren in Ao 178/6 onder aftrek der ongelden Generaale rendement van diversche koopmanschappen die geduurende het gem: Boekjaar zijn omgezet gedateerd ult=o August:s 1786. naar aftrek der ongelden Rendement van zodanige goederen als er zeder pmo. September 1785 tot ulto Augustus 1786. skomp:s we„ „gen ingekocht en verkocht zijn #ijn ged:t ult=o Augustus 1786. 12. Staat reekening getrokken uit de negootsie boeken dezes Goevernements van Anno 1785/6. Memorie van zodanige peper alser zeder medio december 1785. tot den 15 decemb:r 1786 ter dezer kuste ingezaameld is. Reekening Koerant van de verkochte poeder¬ zuiker in het boekjaar 178 5/16. - 10. kopij i rt fo , N„o 15. kopij lijst waar bij aangetoond word de quantiteit en qualiteit der goederen welke de vreemde Scheepen en inland„ sche vaartuigen aanbrengen deprijzen waar voor dezelven verkocht en welke koopmanschap„ „pen weder vervoerd zijn geda¬ „teerd ult=o Augustus 1786. d„o 16. Naam rolle der perzoonen die Sukcessivelijk van hier gedeserteerd zijn zeder medio Maart 1786. tot den 21 febr. 1787. Reekening koevant van den Koning van Trevan„ „koor gedateerd 1 Mei 1786. — „ 18. Reekening Roerant van den koning van Roetsiem de dato Laasten Aug:s 1786. — 19. Specefique Notietsie van den Staat der Kassa deezes Goevernements ge„ dateerd laasten Aug.:s 1786. — 20. Notiessie van de Generaale restanten volgens de ne gootsie boeken onder ultimo Aug=s 1786. Zoo te koetsiem als op: 17. „ 23. N„o 21. Extrakt resoluuitsie van den 28. Mei J: leeden aan gaande de komste op deeze kust van het schip Gouda Extrakt resoluutsie van den 11. Juni dezes Jaars raakende het arrivement van boven, gem: Schip te Jutukorijn en de Schikking omtrent het zelve 24. Extrakt resoluuitsie van den 12 Juni goleeden wegens onkosten bij die gelegen„ „heid gedaan „ 25. kopij brief naar kolombo geschreeven den 14 Juni do„ zes Jaars aangaande het schip Souda 26. Extrakt resoluitsie van den 22. Juni voorm: aan„ gaande onkosten door den gezag d„o 22. kopij Jornaal van den Equipasiemeester Johannas van Blankenberg wegens zijne verrichting bezinden koetsiem tot bestond van eeven gem: Schip Souda op de onderhoorige buiten komp¬ toiren hebben Arnoldus Messe„ 30. N„o 27. Esttrakt kolomboschen brief van den 10 Juli dezes Jaars waarbij de Ministers te kennes geeven dat zij het schip Gouda naar Batavia zullen zen„ „den. d„o 28. Eexstrakt resoluitsie van den 4 Augustus scleeden inhoudende om eenige goederen met het meerm: schip Zouda „ ook met het schip en „ heere op Ceilon aan te houden of naar Batavia te zenden alzoo men daar van hier veets voorzien is Estrakt Kolomboschen brief van den 17 Septembr: laastleeden waar bij de Ministers verklaaren dat 't aan hen gebooden 29 Kopij brief naar kolrmbo geschreeven den 11. Aug=s sleeden ter aanhouding aldaar van eenige goederen uit delading van het Schip Gouda en die van Veere¬ „hebber maaker gedaan en bij hem ge leedene schaade op zijne reise naar en van Tutukorijn her= waards. ut 31. N„o C donn koopmanschappen 33: 34. „ 35. 32. een faktuur van terug reekening groot ƒ 23:12: 8: van een p:s Lijkvat genomerd 2. die volgens faktuur met het schip Zeeland voor dit Goevernement gezonden doch hier niet ont„ „vangen is. Exttrakt resoluuitsie van 18 Septembr. Soleeden aan gaande even gem: Lijkvat N:o 2. Lijst van vier stux assignaatsies naar Nederland Koetsiem den 18. Oktober 1787. Adriaan Boobvliek Sekrets Extrakt resoluuitsie van den 20. feb=r Jleeden nopens het niet ontvangene lijk vat N„o 2 met het Schip Zeeland voor koetsiem afgezonden. Eisch van diverse benodigtheeden voor den Jaare 17/90. uit de lading van Gouda zeer wel van pas was gekoomen d„o : ƒ .. re, 1 . Register

NL-HaNA_1.04.02_10319_0019 view scan ↗

English

Netherlands Appearance of the ship Gouda off this coast : To the Right Honourable, Highly Esteemed Gentlemen Directors at the meeting of the Seventeen, representing the General Dutch Chartered East India Company at the Presidial Chamber Amsterdam Right Honourable, Highly Esteemed Gentlemen! Paragraph 1: The ship Gouda from Amsterdam, destined for this Government, appeared off this coast when the bad monsoon had already broken out, of which we received the first news by a letter from Captain Klaas Voet, of the 20th of May last, containing: that he had sailed from Texel on the 20th of September 1786, arrived at the Cape of Good Hope on the 28th of December following, departed again from that corner on the 29th of January of this year, and on the 19th of May came to anchor off this coast, about eight hours south of Cochin. Due to the bad monsoon this ship is sent to the roadstead of Zonnekeil and from there to Gale. Paragraph 2: As the time to lie in the roadstead here was passed, we sent the Equipment Master van Blankenberg overland to the place where the ship lay at anchor, with orders to send the Master of our small vessel, who knows this coast very well, on board if possible, to guide the ship to Tuticorin and safety. Paragraph 3: After many fruitless attempts, which are detailed in the accompanying journal of the aforementioned Equipment Master, this pilot finally successfully got on board, and the ship got under sail, and on the 30th of the fourth month arrived safely at the roadstead of Zonnekeil, from where we received the letter brought for us from the Chamber of Amsterdam of the 28th of August 1786 and the bills of lading and invoices on the 11th of June. Paragraph 4: From the copies of letters now forwarded, Your Right Honours will be able to see in detail that we sent the ship from there to the Bay of Gale Paragraph 5: Proposal regarding its employment. The ship Veere brings goods for this Government. Resolution to reduce the remainders. and left it to the Government of Ceylon whether they wished to send it here with the open season, or to unload it and send the cargo to us with the pepper ship. In the first case we would load it with saltpetre and pepper for the Netherlands, and in the latter we would send the said goods with the empty ships to Ceylon, and that the said Government has chosen the latter proposal. Paragraph 6: Shortly thereafter we received news from Colombo that the ship Veere from the Netherlands had also brought a consignment of equipment goods and other necessities for us, which, together with the delivery from the Gouda, would serve to satisfy our requisitions of previous years, which owing to the War with England had remained unfulfilled. Paragraph 7: But as during the war we had acquired through purchase the most necessary things that we could not obtain upon our requisitions, or managed without them as best we could, and had since been provided with many articles from Batavia and also from the Netherlands, Receipt of a packet with the ship Leviathan and Pollux. 19 Requisition for the year 1789/90. our stock, by the fulfillment of the previous years' requisitions, would have grown beyond what was needed; wherefore, after prior mature deliberation, in the session of the 4th of August last, we resolved, in order to reduce unnecessary remainders, to report everything we did not strictly need here to the Ministers of Ceylon, with the request to retain whatever would be useful there, and to send the surplus to Batavia. And from the reply of the said Ministers of the 17th of September of this year, it appears that we have done very well in this, as they declare that those goods are very useful there. Paragraph 8: On the 25th of July last we received a packet, brought to Tuticorin by the ship Leviathan, containing a register of the 19th of December 1786 with the enclosures, of which the duplicate was also delivered with the ship Pollux on the 12th of August. Paragraph 9: We hereby present to Your Right Honours our requisition for the year 1789/90 for necessities from the Fatherland, of which we request complete fulfillment, which to that end is inserted here according to custom. The consumption on average over the course of the last 5 years. The consumption in the course of the financial year of this 1786/7. Present stock under date of last. New requisition. Warehouse Necessities 5826. —. 1612. —. 4633. – 15000. - lb nails for the vessels and consumption in the household, such as: 2500: lb 5-inch 500. lb scupper 3000: lb thick double 5000: lb thin single 4000: lb splice irons Writing Materials 1962. -. 15 1/10. 27 1/40. 18. —. 30: –. reams high format paper 489. — 30¼. 40 1/20. 16. —. 40. –. ditto small ditto ditto 391. –. 1 1/32. 1½. 1. -. lb cut pencil and red chalk 1791. -. 74½. 83. —. 35. –. 100. –. bundles quill pens 3 3. –. pieces small sharpening stones 23 2½. 70. –. lb gallnuts 2¼. 3. —. 3. —. —. —. 20. –. lb gum 2 18¼. 21. —. 33. —. 12: —. lb copperas 1 1/3. 4. 9¼. 11. —. 14. —. 7. – pieces penknives 2. 7. —. 9. —. 5. —. 2. - pieces slate boards 4. 54½. 62. —. —. —. ditto slate pencils 3. 2. —. 2. —. 1. — 1½. 3. - lb sealing thread in 3 years 2. 10. —. 10. — 4. — 12: —. 1/20: 1/20. — —: — ½. lb imperial paper in 4 years 3. 1/10. 1/10: 1/20: —½: ream blue draft paper 3. 10. —. 8. —. —. —. 12. —. pieces paintbrushes Paints —. —.

Dutch transcription

Nederland Verschijning van 't schip Gouda onder deeze kuste : Aan de weledele Hoog achtbaare Heeren Beurnanebberen ter vergadering van Zeeventienen, reprezenteerende de Generaale Nederlandsche Geoktroieerde Oostindische kompanie ter Presidiaale kamer Amsterdam Weledele Hoog achtbaare, Heeren! §1: Het schip Gouda van Amsterdam voor dit Goevernement gedestineerd, quam onder deeze kuste opdagen, toen de quaade mousson reets door gebrooken was, waar van wij de eerste tijding ontvingen, bij een brief van den ka„ pitain Klaas Voet, van den 20: Mai Jongstl: behelzende: dat hij den 20: September 1786: uit Tessel gezeild, den 28:e december daar aanvolgende aan de kaap de Goede Hoop gekoomen, den 29: Jan: deezes Jaars weder ƒ weegens de qúaade moússon word dit schip naar de rheede van Zonnekeil gezonden en van daar naar Gale weder van dien uithoek vertrokken en den 19:e Mai onder deeze kuste, omtrend agt uur be„ „zuiden koetsiem ten anker gekomen was. §2: wijl de tijd om hier ter rheede te liggen voor bij was: zoo zonden wij den Equipasiemeester van Blankenberg over land naar de plaats, waar het schip ten anker lag, met last, om den Gezaghebber van ons smalschip, die deeze kuste zeer goed kent, des moogelijk aan boord te zenden, om het schip naar Tutukorijn en veiligheid te geleiden § 3: Na veele vruchtlooze poogingen, die om „standig beschreeven zijn bij het nevens„ gaande dagregister van den Equipasie „meester voornoemd, raakte deeze Loots eindelijk gelukkig aan boord, en het schip onder zeil, en quam den 30:e Vier maand behouden ter rheede van Zonnekeil, van waar wij de voor ons meede gebragte missive van de kamer Amsterdam van den 28: Augustus 1786: en de kog¬ nossement faktuuren op den 11: Juni ont¬ vingen. 54. Uit de thans overgaande kopij brieven zullen uw weledele Hoog achtbaare omstandig kunnen zien, dat wij het schip van daar naar de Bai van Vale gezon„ „den §5: voorstel nopens deszelfs emploi 't schip Veere brengt goederen voor dit Goevernement aan besluit tot vermindering der restanten. „den en aan de Regeering van Ceilon over gelaaten hebben, of ze het zelve met de opene vaart hier na toezenden, dan wel ontlaaden en ons de laading met het peper schip toezenden wilden. In het eerste geval zouden wij hetzelve met salpeter en peper naar Nederland belaaden, en in 't laaste zouden wij ge¬ „melde tetoeren met de leedige scheepen naar Ceilon zenden, en dat gemelde Re„ geering het laaste voorstel gekoozen heeft 5 6: kort daar op kreegen wij van kolombo tij„ ding, dat het schip Veere uit Nederland ook een partij Equipasie goederen en andere behoeften voor ons had aange„ „bragt, zullende zoo wel als de aanbreng van Gouda tot voldoening dienen van onze voorjaarige Eischen, die mits den Oorlog met England onvoldaan gebleeven waaren. § 7: Dan dewijl wij geduurende den oorlog de noodzaaklijkste dingen, die wij op onze Eischen niet kosten bekoomen, door inkoop bemachtigd, of ons buiten dezelven best doenlijk beholpen hadden, en zeder van Batavia en ook uit Nederland van veele artikels reets voorzien waaren: zoo zoude ontvangst van een Pakket met het schip Leviatan. en Pollux 19 Eisch voor 't Jaar 178 89/90. zoude door de voldoening van de voorjaarige Eischen onze voorraad boven de benoodigd¬ „heid aangegroeid zijn, weshalven wij, na een voorafgaand rijp overleg, ter sessie van den 4: Augustus J:o leeden beslooten, tot vermindering van noodelooze restanten al het geen wij hier niet volstrekt noodig hadden, aan de Ministers van Ceilon op te geeven, met verzoek om daar van het geen ginter dienstig waare aan te houden, en het overtollige naar Batavia tezen„ den. En uit het antwoord van welge¬ melde Ministers van den 17: Septem„ „ber dezes Jaars blijkt, dat wij hier zeer wel aangedaan hebben, door dien zij betui„ „gen dat die goederen ginter heel wel te pas koomen. §8: Den 25:e Juli Jongstl: ontvingen wij een pakket, met het schip Leviathan te Tutukorijn aangebragt, inhoudende een register van den 19:e december 1786: met de bijlagen, waar van het dupli„ kaat met het schip De Zollur den 12: Augustus almede besteld is. 9: Wij bieden uwweledele Hoog achtbaare hiernevens onzen Eisch aan, voor het Jaar 178/90: van Vaderlandsche Benoodigdheeden waar van wij een kompleete voldoening verzoeken Den laast Den Verker in de loop van 't Jong, onder dato laaste 5: Jaaren door den anderen geslaagen in boekjaar deezes 178 617. „ 3. d„o verzoeken, die tot dat einde hier volgens gebruik geinsereerd word den Vertier ge: Paartand, Nieúwen Eijsch Pakhuis Behoeftens 5826. —. 1612. —.„ 4633. – 15000. - lb: spijkers tot de Vaartuigen en kon„ „sumptsie in de huishouding als: 2500: lb: 5: d=ms 500. „ schot 3000: „ dikke dubbelde 5000: „ dunne Enkelde 4000: „ Las ijzers 3 2½. 3. —. 3. —. —. —. „ 18¼„ 21. —. 33. —. 4. „ 9¼. 11. —. 14. —. 2. „ 7. —. 9. —. 5. —. 4. „ 54½. 62. —. —. —. 3. „ 2. —. 2. —. 1. — „ 2. „ 10. —. 10. — 4. — 12: —. 3 23 2¼. 2 1 1/3. Schrijftuigen 15 1/10. 27. 1/40. 18. —. 30: –. riemen hoogt formaat papier 30¼. 40 1/20. „ 16. —. 40. –. d=o kleen d–o d=o 1 1/32. 1½. 1. -. lb: gesneede potlood en roodaarde 74½. 83. —. 35. –. 100. –. Bossen penneschachten 3. –. p:s slijpsteentjes 70. –. lb: Galnooten Gom 20. –. „ 12: —. „ koperrood 7. – p:s pennemessen 2. - „ Cijffer Lijen _o d=o Wiften „ 1½. 3. - lb: zegelgaaren in 3: Jaaren — 1/20:„ — 1/20. — —: — ½. „ imperiaal papier „ 4. „ — 1/10. — /10: — 1/20: —½: riem blauwklad papier 3. „ 10. —. 8. —. —. —. 12. —. p:s Verfquasten 1962. -. 489. — 391. –. 1791. -. Verwen/ —. —.

NL-HaNA_1.04.02_10319_0024 view scan ↗

English

Paints consumption remaining Consumption in the last 5 Years during the dated New averaged during the latest Demand expended 1786. 3. 8. 4 1/8. New in 4. Years 18½. 119. —. For the armory —. — —. - 500. —. pieces iron ramrods Bayonets to supply the Guns. Espontoons for the Military Officers 29 /8. 30. —. 25. –. lb: copper wire 91. — . —. —. 50: –. Bundles Drum lines 66. —. —. —. 75. pieces Drum Hoops 147. —. —. —. 75. —. ditto skins 283. —. 274. —. —. —. 500. —. chamois leather sword-knots if the 500 pieces of sword-knots cannot be spared, I very respectfully request, in their place 100 skins of chamois leather, in stead of the Demanded 50 Skins. 4. 32½. 65. —. —. —. 50. —. Skins chamois leather —. — — — 1500. — —. —. —. — —. — 6. — 47. —. 77. — in 4 Years 22 —. 24.½. —. -. 50: - lb: verdigris 5 Berlin Blue 11 1/8. —. 12: —. 4. 132¼. 18½ 965. - 500: -. White lead Provisions 2. 311. —. 270. —. 70. — 200: -. bottles Pitch wine 3. 38. —. 107½. — 1/3. 15. -. cases Genever 1. 1. —. 1. —. 2. — 2. - half Aums Linseed oil 4. 4. — —. —. —. —. 2. — ditto ditto Dutch Vinegar 3. 1 7/8. 2. — —. —. 2. – Barrels Frisian Butter the last by the the expended For For the Smithy consumption in the consumption the last 5 Years during averaged the course of expended the Latest Book- to this Demand Year 178 /7. the remaining New 1. 19. —. 320: —. 3. ditto 1. —. 1: —6:–. 2. 3. —. 6. —. 1. — 6. –. pieces Pincers —. —. —. — 6: — Pincer-tongs —. —. —. — 4. — whole pewter jugs 1. —. —. — 4. — half ditto ditto 1. — 4. - quart ditto —6. —. —. —. 12: —. smooth files in sorts 6. –. Hand files 19. —. 6. —. 12. —. Augers; thereof 4. pieces of 1 inch 4. of ¾ inch 4. of ½ inch 4. –. pieces small screw-plates with Taps for use on the guns —. . . —. -. 6. —. caulking or Carpenter driving hammers —. —. —. 6. —. Crowbars 1. 2. —. —. —. 7. —. 6. —. Arm files 1. 3. —. 3. —. —. —. 5. —. pieces frame saws —. - . — — —. —. 4. — pit ditto 2. 6. — 6. —. 8. —. 6. —. lb: mineral borax 1805. — 335. —. 6½. 26. -. 60. -. Hoeds smithing coals 834. -. 2300. –. 1000. –. lb: Pig lead Steel 485. -. 35. –. 500: -. 251. -. 100: -. 200. -. lock plates 945. —. —. . 600: —. sheet copper, thereof 658. -. 300 lb: red 200: yellow and 100: ditto Latten 30,000: lb: 2. — in 3 Years 2. — — —. —. —. —. —. 2. —. —. -. —. — —. —. —. — —. — 3. 3. —. 8. —. others expended the Latest were averaged the course of the Consumption in the last 5: during Book-year the consumption remaining to serve for the defense of this city, in an unex- pected War, and thus cannot be dis- pensed with. 22662:-. 26137.—: —. —. 30000. - lb: iron for consumption in the house- keeping, as: 12000: lb: Gun carriage iron 4000: flat bar 4000: 1¼. inches 1000 1. — ditto 4 3000: —¼. inch 3000: —½. inch For the Timber Wharf 12: – pieces spars of 12: Palms For the Artillery 50. – pieces steel cannon drills 12:–. Brass cannons of 24: lb: 9. - ditto ditto of 18: lb: 8. – ditto ditto of 12. lb: 10. – ditto ditto of 6. lb: 10. — ditto ditto of 3. lb: 2400: — iron round shot of 24. lb: 350. – ditto ditto of 18. lb: 2400: —. ditto ditto of 12. lb: 750. - ditto ditto of 6. lb: 600: — ditto ditto of 3. lb: 2: - Brass mortars of 12. inches 3. – ditto ditto of 8. inches 5. – Howitzers brass of 6. inches 2: - ditto ditto of 4. inches 100: — iron Bombs of 12. inches 100:— ditto ditto of 8. inches 150: — ditto ditto of 6. inches Brass fuse molds of ½ foot high and 10: Lines diameter: 2:– pieces 55. —. New Demand under date New New in 4: pieces 178 /7. 67 of this — —. —. —. —. — 19. — 8. —. 8 demand 4. –. pieces reflections on the demanded Artillery requirements 1. piece of 2: lb: 1. piece of 1 lb: 1. piece of ½ lb: 1. piece of ¼ lb: 24. —. pieces rocket borers, thereof 6. pieces of 2: lb: 6. pieces of 1 lb: 6. pieces of ½ lb: 6. pieces of ¼ lb: Diverse Medicines and oils, according to Catalogue drawn up and signed by the head surgeon of the Company's Hospital Daniel van der Sloot. regarding which we take the liberty 3 10: to reiterate and urge in the most emphatic manner our previous remarks and requests concerning the brass cannons, Mor- tars and Howitzers with the balls and bombs belonging thereto, namely, that they are highly necessary for a proper defense of this fortress, since a great part of our iron cannons are afflicted with flaws and cavities and the number as well as the caliber of the present Mor- tars and Howitzers is much too small; Brass Rocket molds; as that New Demand guilders this [illegible] An Invoice of return- calculation that these artillery goods must be sent in peacetime, because in times of War it is far too uncertain, and that in place of the brass pieces one cannot make do with iron ones, because these are much heav- ier; and thus not only ruin the platforms and gun carriages much sooner, but also require far more Artillerymen for their operation, which is a most prin- cipal item that in the Indies one must especially pay attention to, because here one al- ways has a great shortage of Europeans. — That iron cannons besides this easily become flawed and burst easily, and the shots from them are slower and at the same time more uncertain, as all this has been demonstrated by us in more detail in our letter to Your Right Honorables of the 10th October 1786: as well as in the answered extract of the patriarchal missive of the 5th November 1785: in- serted in our General letter of the 20th March of this Year, to which we respectfully adhere. we herewith present to Your Right Honorables an Invoice of return calculation for a Leager; with the ship Zeeland for the chamber Zeeland for 3 11:

Dutch transcription

Verwen den vertierge 'Taestand Den Vertier in de laaste 5 Jaaren uurende dn onder da„ door den anderen bo Bojong to deezes Eijsch geslaagen 1786. „ 3. 8. 4 1/8. Nieuw n 4. Jaaren 18½. 119. —. Voor de wapenkamer —. — —. - 500. —. p:s ijzere laadstokken Bajonetten tot voorzien van de „ Geweeren. Espontongs voor de Militaire „ Officieren 29 /8. 30. —. 25. –. lb: koperdraad 91. — . —. —. 50: –. Bossen Tromlijnen 66. —. —. —. 75. p:s Trom Reopen 147. —. —. —. 75. —. „ d=o vellen 283. —. 274. —. —. —. 500. —. „ portepees zeemleere zoo er de 500: p:s porthpees, niet kan gemist worden, verzoeke zeer Eerbiedig, in dies plaats 100: vellen zeemleere, in stee„ „de van de Geeischte 50: Vellen. „ 4. „ 32½. 65. —. —. —. 50. —. Velsen zeemleere —. — — — 1500. — —. —. —. — —. — 6. — 47. —. 77. — in 4: Jaaren 22: —. 24.½. —. -. 50: - lb: spaans Groen 5 „ Berlijns Blaauw 11 1/8. —. „. 12: —. „ 4. „ 132¼. 18½ 965. - 500: -. „ Loodwit Provisien „ 2. „ 311. —. 270. —. 70. — 200: -. botfels Bekwijn „ 3. „ 38. —. 107½. — 1/3. 15. -. kelders Genever „ 1. „ 1. —. 1. —. 2. — 2. - halve Aams Lijn oli _o „ 4. „ 4. — —. —. —. —. 2. — d–o do Azijn Hollands „ 3. „ 1 7/8. 2. — —. —. 2. – Vaten Booter vriese delaas door de den geslaa Voor „ Voor de Smitswinkel den vertier in den vertier de laaste 5: Jaaren geduurende door den anderen den loop van gesloagen 't Jongste Boekto deezes Eisch „Jaar 178 /7. 't restand Nieuwe „ 1. „ 19. —. 320: —. „ 3. d=o 1. —. „ 1: „ —6:–. 2. „ 3. —. 6. —. 1. — 6. –. p:s Nijptangen —. —. —. — 6: — „ Burgtangen —. —. —. — 4. — „ heele tinne kannen 1. —. —. — 4. — „ halve d=o d_o 1. — 4. - „ quard - - - - - - . „ —6. —. —. —. 12: —. „ zoetwijlen in zoorten 6. –. „ Hand. . . „ 19. —. 6. —. 12. —. „ Avegaars; daar van dm 4. p:s van 1: d=m 4. „ „ —¾. „ „ 4. „ „ —½. „ 4. –. p:s kleene snij ijzers met Tappen tot gebruik van de geweeren —. . . —. -. 6. —. „ kalfaat of Timmermans drijfha„„ „mers —. —. —. „. 6. —. „ Grek. - -„ 1. „ 2. —. —. —. 7. —. 6. —. „ Armvijlen „ 1. „ 3. —. 3. —. —. —. 5. —. p:s raamzaagen —. - . — — —. —. 4. — „ kraan d=o „ 2. „ 6. — 6. —. 8. —. 6. —. lb: minar borax 1805. — 335. —. 6½. 26. -. 60. -. Hoeden smeekoolen 834. -. 2300. –. 1000. –. lb: Zeuglood Staal 485. -. 35. –. 500: -. „ „ 251. -. 100: -. 200. -. „ slootplaeten 945. —. —. . 600: —. „ platkoper, daar van 658. -. 300 lb: rood 200: „ geel en 100: „ d=o Lattoen 30'000: lb: 2. — in 3. Jaaren 2. — — —. —. —. —. —. 2. —. —. -. —. — —. —. —. — —. — 3. „ 3. —. 8. —. anderen geslaa, t Jongst gen. waren door den den loop van den Verkier in de laaste 5: geduurende Boekjaar den vertier Trestand om te dienen tot efentsia van deeze stad, bij een onver„ wagten Oorlog, en dus niet te ontbee„ ren zijn. 22662:-. 26137.—: —. —. 30000. - lb: ijzer tot konsumptsie in de huis„ houding, als: 12000: lb: Affuits 4000: „ smalplat 4000: „ 1¼. d=ms 1000 „ 1. — d=o 4 3000: „ —¼. „ e 3000: „ —½. Voor de Timmerwerff 12: – p:s spieren van 12: Palmen Voor de Arthillerije 50. – p:s staale kanon booren 12:–. „ Metaale kanons van 24: lb: 9. - „ _o _=o „ 18: „ „ „ 12. „ „ 8. – „ „ „ 6. „ 10. – „ „ „ „ 3. „ 10. — „ 2400: — „ ijzere rondscherp „ 24. „ 350. – „ d–o d=o „ 18. „ 2400: —. „ „ „ „ 12. „ „ 6. „ 750. - „ „ „ „ 3. „ 600: — „ „ 2: - „ Metaale mortiers „ 12. d=m 3. – „ d–o d_o „ 8.„ 5. – „ Houbitzen metaal „ 6. „ 2: - „ d=o - . d.o. - „ 4. „ 100: — „ ijzere Bommen „ 12. „ do d=o „ 8. „ 100:— „ „ 6. „ Metaale zunders vormen van ½ voet hoog en 10: L: diam: 2:– „ 55. —. wen Eisch onder dato Nieu Nie n 4: p:s 178 /7. 67 deezes — —. —. —. —. — 19. — 8. —. 150: — „ „ 8 ch 4. –. p:s bedenkingen over de geeischte Arthillerij behoeften 1. p:s van 2: lb: „ 7. 7. „ 1. „ „ —½. „ „ —¼. 24. —. p:s pijl booren, daar van 6. p:s van 2: lb: 6. „ „ 7. 6. „ „ —½. „ 6. „ „ —¼. „ Diverse Medikamenten en oliteiten, volgens Catalogue door den opperchirurgijn van skomp:s Hospitaal Daniel van der Sloot opge„ „maakt en onderteekend. waar omtrend wij de vrijheid gebruiken, 3 10: onze voorige aanmerkingen en verzoe„ ken, nopens de metaale kanons, Mor„ tiers en Haubitzers met de daar toe ge„ „hoorende kogels en bommen op 't nadruklijkst te herhaalen en aantedringen, teweeten, dat ze tot eene behoorlijke defensie van deeze vesting hoog noodig zijn, wijl een groot ge„ „deelte van onze ijzere kanons met gallen en gaten behebt zijn en 't getal zoo wel als 't kaliber van de aanweezende Mor„ „tiers en Haubitzers veel te kleen is; Metaale Vuurpijlen vormen; als dat Nieuwen Eisch ƒ „ dze bee¬ Een Faktuur van terugree„ „kening dat deeze artillerij goederen in vreedes tijd moeten gezonden worden, wijl het in Oorlogs tijden al te onzeeker is, en dat men in steede van de metaale stukken niet volstaan kan met ijzeren, omdat deeze veel zwaar „der zijn; en dus niet alleen de beddings en affuiten veel eer ruineeren, maar ook veel meer Arthilleristen tot hunne bediening vereischen, 't welk een allervoor„ naamst artikel is, daar meer in Indien voor al op zien moet, wijl men hier al„ „tijd groot gebrek aan Europeeschen heeft. — Dat ijzere kanons buiten des ligt gallig worden en ligt springen, en de schooten daar uit langzaamer en teffens onzeekerder zijn, zoo als dit alles van ons omstandiger is aangeweezen bij onzen brief aan Uw weledele Hoog achtbaare van den 10:e Oktober 1786: als ook bij 't beantwoorde extrakt patriasche missive van den 5: November 1785: ge„ „insereerd bij onzen Generaalen brief van den 20:e Maart dezes Jaars, waar aan wij ons in eerbied gedraagen. wij bieden uw weledele Hoog achtbaare hiernevens aan eene Faktuur van terug reekening van een Lijkvat; met het schip Zeeland voor de kamer Zeeland voor 3 11:

NL-HaNA_1.04.02_10319_0029 view scan ↗

English

usual annexes and an assignment sent to Ceilon for this Government, and stated on the invoice under No 2 to the amount of ƒ 23. 12: 8: which was not received here and therefore according to our resolution of the 31st May was charged to Ceilon, but since then has been charged back here from there by Colombo invoice, in order to be settled here in our books and credited with the aforementioned sum. Section 12: Furthermore, we now have the honour to present to Your Right Honourable Worships the copies of our latest description of the state of this Government under the date of the 20th March of this year and of our further letters and papers to the Noble High Government of India; to which we also add the further annual annexes, more broadly stated in the accompanying register, to which we respectfully refer. Section 13: We also have the honour to present herewith four assignments: 3846: 7. –. rupees paid into the Company's treasury by the Junior Merchant and Provisional Fiscal and Cashier here Jan Lambertus van Spall in order to be paid out again to Mr. Pieter van Spall, Secretary of the Chapter of St. Pieter at Utrecht, or to his authorized agents or heirs with ƒ 5000. –. –. 384. 30. –. rupees paid into the Company's treasury by the said van Spall in order to be paid out again to Mr. Anthonij Hanekamp, commission bookkeeper at Amsterdam, or to his authorized agents or heirs with ƒ 500. –. –. 12000: —. —. ditto paid into the Company's treasury by the undersigned Governor Johan Gerard van Angelbeek, to be paid out again to Messrs. Henrik and Jakob Verhorst, and Godlob Silo, as well as Anthonij Hanekamp, commission bookkeeper at Amsterdam, together or each separately, or to their authorized agents or heirs with ƒ 15600. –. –. 8000: —. —. in the Company's treasury paid by the said Governor, to be paid out to the aforementioned persons with ƒ 10400. –. –. Total ƒ 31500. —. —. Herewith we commend Your Right Honourable Worships and the important interests of the Company to God's protection, and have the honour to be with all respect and fidelity, Right Honourable Worshipful Sirs, Your Right Honourable Worships' humble and faithful servants, JG van Angelbeek A Harn L Spall D A Celtarius W J Haesten Adriaan Bootvelick Roetsiem the 18th October 1787. Gebhardt G99 G W: H: Schreidz: S 8 No 1: Duplo 3 To His Excellency, the Most Noble, Grand Worshipful, Wide-Ruling Lord Willem Arnold Alting, LL.D., on behalf of the State of the Free United Netherlands and its General Chartered East India Company, Governor-General, and the Right Noble Rigorous Lords Councillors of the Netherlands Indies. Most Noble, Grand Worshipful, Wide-Ruling Lord, and Right Noble Rigorous Lords, Section 1. The ship De Zeeuw arrived here on the 28th November last with a covering letter dated the 26th September prior and the accompanying papers according to the register; and since we have not yet received the highly honoured rescript from Your Excellencies and thus have no letters to answer from Batavia, we let this serve in particular to report on what concerns that ship and its cargo, which is now on the point of departure at the request of the Ceilon Government being sent to Colombo with five hundred lasts of rice, without our being certain whether it will come here again, or another ship, to fetch a cargo of coir for the Capital, as we have left this to the said Government. Section 2: The same was measured upon its arrival, of which the report, along with the letter according to order, is attached hereto. Section 3: An inquiry was also made as to whether the native sailors on board were well treated during the voyage, and according to the accompanying report they testified to having no reason to complain. Section 4: Since the captain of this ship, Pieter Levien, reported having discovered heavy leakage above water on the voyage hither and some defects in the broad strake and gunports, we caused an inspection thereof to be made by special commissioners, the naval captain Kornelis De Klerk commanding the Company's ship Middelwijk, the naval captain Harmanus Folkers, who happened to be lying in the roads here with the private ship Javas Welvaaren, and the Master Attendant Johannes van Blankenberg, as well as the Master Craftsman of the shipyard Jan de Lange. Their report is inserted in our resolution of the 19th December last, and according to the same the ship has been properly repaired. Section 5: Also, according to the resolution of the aforesaid date, upon the request made to that end by the said captain and the necessity testified to by the Master Attendant, various provisions were supplied to this ship, among which a main topsail yard, two fore-topmast stays, and two main topgallant stays are of the greatest importance, while the further minor items stand specified in the resolution itself. The

Dutch transcription

gewoone bijlaagen en Assignaatsie voor dit Goevernement naar Ceilon gezon¬ „den, en bij de faktuur met N:o 2: bekend gesteld ten bedraagen ƒ 23. 12: 8: hetwelk hier niet ontvangen en daarom volgens onze resoluutsie van den 31. Mai naar Ceilon aangereekend was, doch zeder van daar bij Kolombosche faktuur dit heen terug gereekend is, om hier bij on„ ze boeken verhandeld en met voorsz: som terug gereekend teworden. §12: Voorts hebben wij thans d'eere uw weledele Hoog achtbaare aantebieden de kopijen van onze Jongste beschrijving van den staat dezes Goevernements on¬ der de dagteekening van den 20:e Maart dezes Jaars en van onze verdere brieven en Papieren aan de Edele Hooge Regee¬ „ring van Indien; waar bij wij ook voegen de verdere Jaarlijxe bijlaagen, breeder bij nevensgaande register ver„ „meld, waar aan wij in eerbied gedraa„ gen. § 13: Noch hebben wij de eere hiernevens aantebieden vier stux assignaatsies ropijen 3846: 7. –. in skomp:s kassa geteld door den On„ „derkoopman en p:l Fiskaal en kassier alhier Jan Lambertus van Spall om om aan den Heer Pieter van Spall sekretaris van het kapittel St. Pieter te Utrecht, dan wel deszelfs gemachtig¬ „den of erven weder uitgekeerd teworden ropijen 384. 30. –. in skomp:s kassa geteld door gemelden van Spall om aan den Heer Anthonij Hanekamp kommissie boekhouder te Amsterdam, van wel deszelfs Gemachtigdens of erven weder uitgekeerd te d=o 12000: —. —. in skomp:s kassa geteld door den ondergeteeken„ den Goeverneur Iohan Gerard van Angelbeek, om aan de Heeren Henrik en Jakob Verhorst, en God¬ lob Silo, mitsgaders Anthonij Hanekamp kommissie boek„ houder te Amsterdam, te„ zaamen of ider in het bezonder dan wel derzelver Gemachtigden of erven weder uitgekeerd te worden met. . . . . . . . - - „ 15600. –. –. met. - - - - - . . . . . . . - ƒ 5000. –. –. worden met. . . . . . . . . . . „ 500. –. –. 8000: —. —. in skomp:s kassa geteld door gemelden Goeverneur, om aan voorenstaande perzoonen uitgekeerd teworden met „ƒ10400. –. –. Somma - - . . . ƒ31500. —. —. Hier „ Hiermede beveelen wij uwweledele Hoogachtbaa„ „re en de wigtige belangen der Maatschappij in Gods bescherming, en hebben de eere met alle eerbied en trouwe te zijn. Weledele Hoog achtbaare Heeren. uwer weledele Hoog achtbaare Onderdanige en Petroúwe Dienaaren JG van Angelbeek AHarn L pall D A Celtarius WJ Haesten Adria an Bootvelick Roetsiem den 18e: October 1787. Gebhardt G99 G W„ H: Schreidz: S 8 No 1: Depleert 3 Aan zijn Hoogedelheid, Den Hoogedelen, Groot achtbaaren, wijdgebiedenden Heer Willem rnold Alting. MMr wegens den staat der vrije vereenigde Nederlanden en haare algemeene Geontroieerde Oostindische kompanie Goeverneur Generaal Cende De weledele Gestrenge Heeren Raaden van Nederlands Jndien. Hoogedele, Grootachtbaare, wijd gebiedende Heer, en Wel edele Gestrenge Heeren Het schip, De Zeeuw, is den 28:e Novem„ S 1. „ber Jongstl: hier aangelandt met een geleide brief„ „jes van den 26: September bevoorens en de daar bij gevoegde papieren volgens register, en wijl wij de hoog geëerde reskriptsie van Uwe Hoogedelheeden noch niet ontvangen en dus Batavia geene geene brieven te beantwoorden hebben: zoo laa„ „ten wij deezen inzonderheid dienen, om ver„ „slag te doen van 't geen dat schip en zijne laa„ Ving betreft, hetwelk thans op het vertrek verzoek van de Ceilonsche Regeering met vijfhonderd lasten rijst naar kolomboge zonden word, zonder dat wij verzeekerd zijn of het zelve weder hier zal koomen, dan wel een ander, om een lading kaier voor de Hoofdplaats aftehaalen, alzoo wij dit aan welgemelde Regeering hebben overgelaat §2: Het zelve is bij zijne aankomst gemee„ ten, waar van het rapport met den brief volgens order, hier nevens gaat. § 3: Ook is onderzoek gedaan of de inlandsche zeedaarende op hetzelve, geduurende de reize wel behandeld zijn, en volgens neven „gaand rapport hebben dezelven betuigd geen reeden van klaagen tehebben. § 4: wijl de kapitain van dit schip Pieter Levien rapport deed, op de reize naar herwaards zwaare lekkasie booven water en eenige gebreeken aan de breede gang en schutprorten ontdekt te hebben, zoo hebben wij wij daar na onderzoek laaten doen door ex„ presse gekommitteerden, den kapitain ter zee kornelis De klerk kom„ „mandeerende skomp:s schip Middel„ wijk, den kapitain ter zee Harmanus Folkers, die hier Juist met het parti„ kuliere schop Iavas welvaaren ter rheede lag en den Equipasiemeester Johan„ nes van Blankenberg, mitsga„ „ders den Meesterknecht der scheepstim„ merwerf Jan de Lange, hun rapport is geinsereerd bij onze resoluutsie van den 19: december Jongstl: en volgens hetzelve is het schip behoorlijk verholpen: § F Ook zijn aan ditschip, volgens resoluutsie van evengemelden datum, op het daartoe gedaane verzoek van gem: kapitain, ende door den Equipasiemeester betuigde noodzaaklijkheid, verscheidene verstrek„ kingen gedaan waar onder een groote Mar„ „serhaa, twee voorsteng staagen, en twee groote bramstaagen van 't meest belang zijn, terwijl de verdere kleenigheeden bij de resoluutsie zelve gespecifiseerd staan De

NL-HaNA_1.04.02_10319_0042 view scan ↗

English

§ 6: The findings regarding the delivered cargo of this ship are inserted into our resolution of the 8th of this month, an extract of which accompanies this document. Whereby the deficits that do not exceed the regulations, alongside some broken windowpanes, three broken mortar shells, a broken compass, and a rotten hide of pump leather have been written off, and three surplus four-inch mortar shells, nine smoothing planes, and one boarding pike have been entered into the books; however, some other items deserve further explanation. § 7: According to the invoice, there were supposed to be one hundred Russia leather hides in two cases, one of which, No 111, was brought by the ship De Gerechtigheid and weighed 785 lb gross, and the other, No 365, brought by the ship Het Duifje, weighing 303 lb gross, specifically 50 in each case; however, only 25 hides were found in the latter case. Because the case was nevertheless full, and kept its gross weight, which differs by more than half from the other, and because this case was also charged at only ƒ145:19.—, whereas the other case, which contained 50 hides, was listed at ƒ323.13.—, there remained no doubt that a clerical error must have been made on the invoice regarding the small case, which ought to have been listed with 25 hides. § 8: We have therefore decided to have the delivered 75 hides of Russia leather entered at the prices for which both cases were charged. § 9: Case No 529 ought, according to the invoice, to contain: 30 reams of small format paper 1 ream of imperial paper 1 ream of blue draft paper However, instead of that, 20 reams of large format were found in it: so that an error in the shipping of the cases appears to have taken place. § 10: We have thus decided to charge the missing items back to Batavia and to enter into the books the received 20 reams of large format that were not charged, and we request Your Excellencies to have the same charged at the first opportunity. § 11: An error also appears to have taken place regarding the lantern horn panes, for on the invoice there are listed: 50 large horn panes brought by the ship Het Duifje at ƒ6:5.— and 5 lantern horn panes from the Batavian stock, also at ƒ6.5.— However, one hundred horn panes were delivered here, and thus 45 more; it therefore seems that this is a clerical error on the invoice, and that the latter parcel must also be 50, for which amount they have accordingly been entered into the books at the invoice price. § 12: Departing with this ship are nine time-expired men, the name list of whom is enclosed herewith, but we request the Ceylon Government, in the event this ship returns here, to have the same transferred to the first departing vessel. § 13: The ship De Draak arrived from Colombo on the 21st of November last and departed again thither on the 18th of December following, with 81 lasts of rice, 18 lasts of wheat, and 660000 lb of pepper, alongside 97 packs of cowhides. § 14: The ship Middelwijk arrived on the 15th of the last-mentioned month, likewise from Ceylon, with some goods from Europe brought for us by the ship Zeeland, and will, according to the request of the Ministers, be sent back with the remaining rice and pepper. § 15: The private ships Neptunus and Java's Welvaren arrived here on the 1st and 11th of December and departed further to Muscat on the 8th and 18th. § 16: It is with great reluctance that we must hereby make known the misconduct of the Naval Lieutenant Johan van Haeften, who is stationed on this ship, and who, practically from the day it arrived here, has constantly stayed ashore, without having been employed in any commission for receiving or delivering cargo. § 17: During his stay in the town, acts of mischief occurred at night of which nothing had previously been heard; among other things, on a certain night some lanterns of the town were smashed, several doors were knocked upon, etc.; and although the darkness of the night favored these acts of mischief, there were nevertheless strong suspicions that Lieutenant van Haeften had taken part in them, for he had not only been merry that evening, but had also been seen in the vicinity when the lanterns were smashed; however, because the fiscal could not obtain complete evidence, no investigation was made into it, and van Haeften was also never questioned about it. § 18: But a few days thereafter, the Governor was informed that van Haeften wished to marry a certain widow of the deceased burgher Coenraads, a woman of low birth and without means, who, moreover, during the lifetime of her first husband had had a very bad reputation. § 19: In order to keep him from a marriage that would notoriously lead to his ruin and to the regret and grief of his family, the Governor had him ordered by Captain Levien to repair to his ship; and when van Haeften did not heed the orders of his captain, the Governor had him further ordered to do so early the next morning by the Adjutant Rose. § 20: Thereupon van Haeften indeed went on board in the afternoon, but he also came ashore again that very same evening; wherefore arrest at the main guardhouse was ordered upon him by the Adjutant in the name of the Governor; but he utterly refused to obey, saying to the Adjutant: Alive you will not get me out of the room, but only in pieces and fragments. The

Dutch transcription

§ 6: De Bevinding op de uitgeleeverde Lading van dit schip is geinsereerd bij onze resoluut „sie van den 8:e deezer, waar van het extrakt deezen verzeld. waar bij de minderheeden die het reglement niet excedeeren, nevens eenige gebrookene glaze ruiten, drie ge¬ „brookene bommen, een gebrooken kom„ „pas en een verstikte huidpompleer afgeschreeven en drie over bevondene bommen van vier duim, negen strijkbanken en een Speerhaak bij de Boeken ingeschreeven zijn, doch eenige an„ „dere artikelen verdienen nadere aanwijzing. §7: volgens de faktuur moesten in twee kas„ „sen, waarvan de eene N:o 111: met het schip De Gerechtigheid aangebragt was, en brut 785: lb: Woog, en d'andere N: 365: met het schip het Duifje wegende bruto 303: lb honderd Jucht vellen weezen, en wel 50: in ieder kas, doch in de laaste kas wierden maar 25: vellen gevonden. — wijl de kas echter vol was, en zijn bruto gewigt hield hetwelk met de andere meer dan de helft verschild, en wijl deeze kas ook maar maar met ƒ145:19. —. aangereekend wierd, daar de andere kas, die 50: vellen inhield, met ƒ323. 13. —. bekend stond, zoo bleef er geen twijfel over, of bij de baktuur moest een schrijffout begaan zijn, omtrend de kleene kas, die met 25: vellen had moe„ ten bekend gesteld worden. 5 /8: wij hebben derhalven beslooten de uitge„ „leeverde 75: vellen Juchtleer met de prij„ „zen, waar voor beide kassen aangereekend zijn, telaaten inneemen §9: De kas No529: moest volgens faktuur 30: riem kleen formaat papier 1: riem imperiaal papier 1: riem blauwklad-papier inhouden doch in steede van dien heeft men daarin 20: riem Groot formaat bevonden: zoo dat er een abuis in 't afscheepen van de kossen schijnt plaats gehad te hebben. §10: Wij hebben dus beslooten, het niet ontvan„ „gene naar Batavia terug te reekenen en de ontvangene 20: riemen grootformaat die niet aangereekend zijn bij de boeken inteneemen, en verzoeken uw Hoogedel„ „heeden „heeden, dezelven met d' eerste geleegenheid te willen laaten aanreekenen. § 11: Ook schijnt een abuis plaats gehad te hebben omtrend de lantaren hoorens, want bij de faktuur staan bekend 50: groote hoorens met het schip het Duifje aangebragte â ƒ 6: 5. - en 5: lantharenhoorens uit den Bataviaschen „voorraad mede a. - - ƒ 6. 5. — doch hier zijn honderd hoorens uitgelee„ „verd en dus 45: maar, het schijnt dus, dat dit een Schrijffout bij de faktuur is, en dat de laaste partij ook 50: zijn moet waarvoor ze dan ook bij de boeken met de faktuur prijs is ingenoomen. § 12: Met dit schip vertrekken negen Beede„ „voortgangers, waarvan de naamlijst hier„ nevens gaat, doch wij verzoeken de Ceilon „sche Regeering dezelven, indien dit schip hier terugkomst, op het eerst vertrekkende te doen overgaan. §13: Het schip de Draak is den 21:e November Jongstl:n van kolombo aangekoomen en den 18: december december daar aan weder derwaards vertrok„ ken, met 81: last rijst, 18: last tarwe en 660000: lb: peper nevens 97: korsies koe„ „huiden. § 14: Het schip Middelwijk quam den 15:' der laastgemelde maand mede van Ceilone met eenige goederen uit Europa met het schip Zeeland, voor ons aangebragt, en zal, vol„ „gens verzoek van de Ministers, met de ovrige rijsten peper terug gezonden worden. § /5: De partikuliere schepen Neptunus en Iavas welvaaren zijn den 1:e en 11:e de„ „cember hier aangekoomen en den 8:e en 18:e ver„ der naar Maskatte vertrokken. § 1/6: Het is met grooten tegenzin, dat wij bij deezen moeten bekend stellen, het wangedrag van den Luitenant ter zee Johan van „schip Htaeften, die op dit „ bescheiden is, en zich genoegzaam van den dag af aan, dat hetzelve hier gekoomen is, steets aan de wal opge„ „houden heeft, zonder bij eenige kommis„ „sie van ontvangen of afleeveren van laading gebruikt te zijn. §17: Geduurende zijn verblijf in de stad vielen er er snachts baldadigheeden voor, waar van men bevoorens niets gehoord had, onder anderen wierden in zeekere nagt eenige lantarens van de stad stukkend geslaagen, op verscheidene deuren geklopt enz:, en hoewel de Huisternis der Nacht deeze baldaadigheeden begunstigde: zoo waaren echter sterke vermoedens, dat de Luitenant van Haeften daar aan deel gehad had, want hij was niet alleen dien avond vroolijk geweest, maar ook toen de lantaarens ingeslaagen waaren, wijl daar omtrend gezien, doch „ de fiskaal geen volkoome bewijzen kost inwinnen, zoo is er geen onderzoek na gedaan en van Haeften daar over ook noit aangesprooken. § 18: Doch eenige daagen daarna, wierd de Goeverneur verwittigd, dat van Haeften trouwen wilde, met zee„ kere wedewe van den overleedenen Burger Coenraads, eene Vrouw van geringe afkomst en zonder middelen die daar en booven bij het leeven van haar haar eersten Man een heel slechten naam gehad had. §19: Om hem aftehouden van een huwelijk hetwelk notoir tot zijn verderf, en tot spijt en verdriet van zijne familie: moest strekken, liet de Goeverneur hem door den kapitain Levien belasten zich naar zijn Schip te begeeven en toen van Haeften zich aan d' orders van zijnen kapitain niet stoorde, liet de Goeverneur hem zulx des anderen morgens vroeg door den Adjudant Rose nader ordonneeren. 320: van Hlaeften ging daarop 'snamid„ „dags wel naar boord, maar quam ook dienzelfden avond weder aan de wal, weshalven hem door den Adjudant het arrest aan de Hoofdwacht uit naame van den Goeverneur geordon„ neerd wierd; doch hij weiger de volstrekt te obedieeren, zeggende tegen den Ad„ „júdant, Levendig krijgd gij mij niet uit de kamer, maar wel bij stukken en brokken. De

NL-HaNA_1.04.02_10319_0048 view scan ↗

English

§ 21. The Adjutant then wanted to fetch a patrol, but the naval Lieutenant of the ship Middelwijk, Iohannes Kornelis van Bommel, who was then with van Haeften, ran after him and said that he should not come with armed men, as van Haeften was a desperate man, had loaded his pistol with two balls, and had laid ready his sidearm, and he advised the Adjutant to go back once more and try to place him under arrest peaceably. § 22. The Adjutant therefore went back to him with the said van Bommel, and found him with the pistol in one hand as well as the sword in the other. The said Adjutant as well as the aforementioned Lieutenant van Bommel then did their best to persuade him to submit to arrest, but he refused this absolutely, uttering his former bravados. § 23. The Governor thereupon gave further orders to arrest him with armed men, and to use as much force for that purpose as should be necessary to enforce obedience to the orders of the Government. But van Haeften, being informed of this by Lieutenant Paradis, finally went to the Main Guard and into arrest, in which he has since been kept, not only as a well-deserved punishment for his recalcitrance and actual opposition to the orders of the Government, which undeniably deserved a far more severe correction, but primarily to preserve him, and particularly the family, from the consequences of a misalliance. § 24. A few days before the departure of the ship, the Governor sent word to him that if he had any business to transact, he might have someone come to him. He thereupon requested first the Master of Equipment van Blankenberg and after that the Junior Merchant Cellarius, but insisted only upon his discharge, which was refused him. § 25. But that same evening between eight and nine o'clock he found means to slip out of arrest. However, this being discovered some time afterward, he was searched for by patrols and was finally, upon emerging from the Prison Street, so hemmed in that no way out remained for him other than to return to arrest. § 26. The Governor, in order to spare the prisoner as much as possible in his foolish passions, had no other inquiry made into this matter than solely against the soldier who had stood sentinel before the prisoner's room, and who was punished with running the gauntlet for his neglect of duty. § 27. Although the prisoner had doubly deserved, by this violation of the arrest, to be put in irons or kept in the so-called dark hole, the Governor nevertheless, out of consideration, chose the gentlest method and ordered that henceforth one sentinel should be placed with him in the room and a second before the same, as was also done. § 28. But on the evening of the 14th, the audacity of the prisoner went so far that he attempted to break out by force; to that end, he kicked the sentinel inside the room aside and rushed out the door, where he was stopped by the second sentinel and overpowered by the guard personnel and brought back under arrest. And since then, by order of the first undersigned, he was locked in the dark hole and remained there until his departure. § 29. We append the depositions obtained regarding this and further documents according to a separate register herewith, and trust that Your Right Nobles, through this brief account and more fully through the documents, will be completely convinced that the often-mentioned van Haeften brought upon himself the harsh treatment about which he complained so much at his last examination of the 16th of this month, through his disobedience and violent opposition, as well as through the violation of the arrest itself, and indeed deserved to be punished considerably more severely for it. § 30. But the Governor, who in all this intended nothing other than to preserve him from the ruinous consequences of such an ill-advised marriage, which was untenable for him, and to preserve the family from the shame arising therefrom, regarded his arrest at the same time as a sufficient punishment for his disobedience, and thus handed him over with a military detachment to Captain Levien, with orders to keep the same on board until the anchor is weighed, and subsequently to ensure that the often-mentioned van Haeften, whose desperate character has made itself sufficiently known on this occasion, does not venture any reckless attempt to come ashore again. § 31. Herewith we commend Your Right Nobles and the important interests of the Company to God's protection and remain with all respect and fidelity, underneath stood, Right Noble, Highly Respected, Far-Ruling Lord and Honorable Stern Lords! Your Right Nobles' humble and faithful servants, was signed, J: F: van Angelbeek, R: van Harn, G: G: Gebhard, I: L: van Spall, J: A: Cellarius, Adriaan Poolvliet, and J: A: Scheidz: in the margin Cochin the 18th of January 1787. Batavia. To the same as aforesaid. § 1. Since it will still take some days before our Annual Compendium with the books and papers belonging thereto can be brought into such a state as to be presented to Your Right Nobles, we do not wish to detain the ship Middelwijk, which has already lain here longer than we had thought, any further for that reason, but let the same depart beforehand for Colombo, the more so since the bark De Liefde from here within

Dutch transcription

§ 21. D' Adjudant wilde toen een patrouille haalen, doch de Luitenant ter zee van 't schip Middelwijk Iohannes Kornelis van Bommel, die zich toen bij van Haeften bevond, liep hem achter na, en zeide dat hij met geen gewapende volk moest koomen, alzo van Haeften een desperaat Mensch was. zijn pistool met twee kogels ge„ laaden en zijn zijdgeweer klaar gelegd had, en hij rie den Adjudant, om noch eens terug tegaan en tezien hem met goede in arrest te krijgen. §22: De Adjudant ging dus met gem: van Bommel weder naar hem toe, en vond hem met het pistool in de eene mitsgaders den deegen in d'andere hand gem: Adjudant zoo wel als de voornoemde luitenant van Bommel deeden toen hun best, om hem overtehaa„ len, dat hij zich in arrest mogt begeeven doch hij weigerde dit volstrekt, onder het uiten van de voorige bravades. §23. De Goeverneur gaf daar op nader order hem hem met gewopende Manschap te ar„ „resteeren en daar toe des noods zoo veel geweld te gebruiken als noodig zijn zoude, de orders van 't Goevernement te doen obedieeren. — doch van Haeften hier van door den Luitenant Paradis onderricht weezende, begaf zich einde¬ lijk naar de Hoofdwacht en in ar„ „rest, waarin hij zeder gehouden is, niet alleen tot een welverdiende straffe van zijne wederspannigheid en daade„ lijke opposietsie tegen de orders van het Goevernement, welke zonder tee¬ „genspraak een vrij ernstiger korrek„ „sie verdiend had, maar voornaamlijk om hem, en inzonderheid de familie voor de gevolgen van eene mes alliancie te bewaaren. §24. Eenige dagen voor 't vertrek van 't schip, liet de Goeverneur hem zeggen, dat hij eenige zaaken te verrichten hebbende, iemand bij zich kost laa„ „ten koomen, hij verzocht daarop eerst den Equipasiemeester van Blankenberg en - en daar na den Onderkoopman Cellarius, doch drong alleen op zijn ontslag aan; hetgeen hem afgeslaagen wierd, § 25: Doch dienzelfden avond tusschen agt en negen had hij middel gevonden, uit het arrest te ont„ slippen, doch dit eenigen tijd daarna ontdekt zijnde, werd hij door Patrouilles opgezocht en eindelijk bij het uitkomen van de tronk„ „straat, zoodanig bezet, dat er voor hem geen uitweg= overschoot, dan zich wederom in ar„ rest te begeeven. § 26: De Goeverneur liet, om den Arrestant in zijne dwaaze driften zoo veel moogelijk te schoonen, van dit geval geen andere infor„ „maatsie neemen, dan alleen teegen den sol„ daat die voor des Arrestants kamer schildwacht gestaan had, en over zijn plicht verzuim met de spitsgarde afgestraft is. 527. Koewel de Arrestant door deeze vislaat„ „sie van 't arrest dubbeld verdiend had, in de ijzers geslooten of in het zoogenaamde donker gat bewaard teworden: zoo heeft de Goeverneur noch al uit konsideraat„ „sie de zachtste wijze gekoozen en gelast, dat dat voortaan een schildwacht bij hem in de kamer en een tweede voor dezelve geplaatst worden zoude, gelijk ook geschied is. § 28: Doch den 14:e savonds ging de Htoutmoedigheid van den Arrestant zoo ver, dat hij onder„ „nam, met geweed uit te breeken, tot dat einde schopte hij de schildwacht binnen inde kamer op zijde, en vloog de deur uit, daar hij door de tweede schildwacht tee„ „gen gehouden en door het wachtsvolk over„ weldigd en weet inarrest gebragt wierd en zeder is hij ter order van den Eerst¬ „geteekenden in het donker gat geslooten en tot zijn vertrek toe gebleeven. §29: wij voegen de daar over ingewonne verklaa„ „ringen en verdere stukken volgens een apart register hiernevens, en vertrouwen dat uw Hoogedelheeden, door dit kort verhaal en breeder door de stukken ten vollen zullen overtuigd worden, dat meermelde van Haeften, zich de harde behande„ „ling, waar over hij zich bij zijn laaste verhoor van den 16: deezer, zod zeer beklaagd, door zijne ongehoorzaamheid en gewelddaadige tegen tegenkanting, mitsgaders door het violeeren van 't arrest zelve op den hals gehaald heeft, en zelfs verdiend had, daar over vrij Zwaar „der gestraft teworden. § 30: Doch-de goeverneur, die bij dit alles niets anders bedoeld heeft, dan hem voor de ruineuse gevolgen, van zulk een onberaaden en voor hem onbestaamlijk huwlijk ende familie voor de daaruit voortkoo„ mender schande te bewaaren, heeft zijn ar„ rest teffens als eene voldoende straffe voor zijne ongehoorzaamheid aangemerkt en hem dus met een militaire komman „do aan kapitain Levien overgegeeven Met last, hetzelve zoo lange aan boord tehouden, tot dat het anker te huis is, en vervolgens te zorgen, dat meermelde van Haeften wiens desperaat karakter zich bij deeze geleegenheid genoeg heeft doen kennen, niet d' een of andere quaade sprong waage, om wederom aan de wal te koomen. §31: Hiermeede beveelen wij uw Hoogedel„ „heeden en de wigtige belangen der Maat „schappije C „schappije in Gods bescherming en blijven met alle eerbied en trouwe /:onderstond:/ Hoogedele, Groot achtbaare, wijdge„ biedende Heer en Weledele Gestrenge Heeren! Uwer Hoogedelheeden onder¬ „daanige en getrouwe Dienaaren /:was gete:/ J: F: van Angelbeek, R: van Harn, G: G: Gebhard, I: L: van Spall, J: A: Cellarius, Adriaan Poolvliet en J: A: Scheidz: /:inmarsine:/ koetsiem den 18:e Januarij 787: — Batavia Aan als Voorn. §1: Wijl het noch eenige dagen zal aanloopen eer. onze Jaarlijxe Beschrijving met de daar toe ge= „hoorende Boeken en papieren in dien staat kunnen gebragt worden om ze aan uw Hoog edelheeden aantebieden, zoo willen wij het schip Middelwijk hetwelk hier reets langer geleegen heeft, dan wij gedacht hadden, daarna niet ophouden, maar laaten hetzelve voor af naar kolombo vertrekken, temeer wijl de Bark De Liefde van hier bin„ nen a

NL-HaNA_1.04.02_10319_0054 view scan ↗

English

is to follow within a few days, and can deliver the mentioned papers early enough in Colombo to this ship, which has to unload several goods there: § 2: However, should this last point fail us against our hope and expectation due to unforeseen misfortunes, we send these few lines along with the ship itself, in such a case to serve as its escort and as a brief report of what relates to its loading, provisions, and further treatment. § 3: This ship, which according to the notice already shared in our humble letter of 18 January last, arrived here from Colombo on 15 December with the goods brought for us from Europe and Batavia, was unloaded here and was prepared to take on, besides the pepper and other goods lying ready for Ceylon, as much rice as it could hold; and the ship De Zeeuw was destined to depart for Batavia with a full cargo of coir, because the Ministers of Ceylon had promised us to send a ship to collect the remaining rice. § 4: But on 8 January we received a further letter from the mentioned Ministers stating that they could not send us a ship for rice, which made us not a little embarrassed, for on the first demand of 700 lasts, only 264 lasts had been fulfilled, and moreover another 300 had been further agreed upon, which the Ministers now indeed declared they did not very urgently need, but of which we at least gladly wished to send a part; and Middelwijk could, besides the paper and woodwork, take in little of importance. § 5: We therefore resolved to load the ship De Zeeuw with rice for Ceylon and requested the Ministers to return that vessel as soon as possible, in order to collect for Batavia the coir that had already been purchased or at least agreed upon. § 6: Accordingly, De Zeeuw departed for Colombo with 500 lasts of rice, but when we wished to make a beginning with the loading of Middelwijk, the transport of rice from the northern lands of the King of Cochin was stopped by the Nabob's servants in the territory of Paponetty, who demanded a toll on the rice and held the vessels under arrest for it. § 7: Although the King assured us that this impediment would be quickly removed, we could not rely on that so firmly as to draw upon our provisions for loading the ship, the more so because there was a crop failure and scarcity all around here, and the Nabob's intention might well have been to seize the King's rice and force him to deliver everything to him. § 8: And since we were informed at the same time by the Ministers that they had received ample relief from Bengal and thus did not need the last agreed upon 300 lasts, we resolved to give the ship Middelwijk only the pepper and some small items for Ceylon, and to load it for the rest with coir for Batavia; and we requested the Ceylon Government by a letter via Tuticorin not to send a ship here for coir. § 9: But two or three days after the dispatch of this letter, we received further orders from Colombo stating that they had most unexpectedly received very gloomy reports of crop failure from Jaffna and the rest of the northern part of Ceylon, and thus out of fear of scarcity and want requested anew three hundred lasts of rice from us. § 10: At the same time we also received a further demand for woodwork, which together with that demanded previously would already take up a considerable space in a ship; and since the obstacles against the transport of rice had since been cleared away, and we could thus easily fulfill the further demanded 300 lasts, we have anew demanded a ship to take in the same, and at the same time the woodwork and all further demanded goods, and moreover to load the further coir for the Capital, which would otherwise have to remain lying over, on which, while writing this, we still await an answer. § 11: Upon a submitted petition of Captain Kornelis De Klerk, inserted into the resolution of 28 December last, a new main topgallant sail was supplied to the ship instead of the one that became unserviceable on the voyage from Colombo to this place; also the boat was caulked and various minor repairs were made, and two months' wages were issued to the crew. § 12: Also, according to the resolution of the 20th of this month, a heavy anchor and coir cable had to be supplied to it instead of that which was lost on this roadstead while heaving the same, as appears from the sworn declaration of the ship's officers. The Master of the Equippage was thereupon ordered to have the lost anchor dragged for, but until now has not found it. § 13: From this ship, during the night between 27 and 28 January, a boatswain's mate, an under-cooper, and four sailors deserted with the ship's yawl; whereupon we immediately requested both the King of Travancore and the English Resident at Anjengo to deliver them up to us if they had fled thither. § 14: But from both we received as an answer that they had not been heard of there, and since then we have heard from native vessels that they fled to the North and thus probably came to regret it with the Nabob at Calicut. § 15: The findings on the delivered cargo of this ship are inserted into our resolution of the 20th of this month in the extract accompanying this, whereby the permitted shortfalls on the iron and nails brought from Batavia were passed, while regarding a few bombs that were found with holes and flaws, we decided to use the same in the annual exercise of the Artillery.

Dutch transcription

„nen weinig daagen staat te volgen, en Gemelde papieren vroeg genoeg te kolombo aan dit schip, hetwelk daar verscheidene goederen lossen moet, afgeeven kan: § 2: of ons dit laaste echter tegen hoop en verwach„ „ting door onverziene tegenspoeden mogt mis„ „sen: zoo geeven wij deeze wijnige letteren met het schip zelve mede, om in zulken val te dienen tot dies geleide en tot een kort verslag van 't geen tot de belaading verstrekking, en verdere behandeling van 't zelve betrekking heeft. §3: Dit schip, hetwelk volgens het reets bedeelde bij onzen onderdaanigen van den 18:e Januari jol: op den 15:e december van kolombohier aangekoomen is, met de aldaar van Eu ropa en Batavia voor ons aange„ bragte goederen, is hier gelost en werd om bij de peper daarop aangelegd en verdere voor Ceilon gereed leggende goederen noch zoo veel rijst inteneemen als het zoude kunnen bergen, en het schip De Deeuw wer bestemd met een volle laading kaier naar Batavia te vertrekken, door dien de Mi nioters „nisters van Ceilon ons beloofd hadden een schip tot den afhaal van de overige rijst tewillen zenden. §4: Doch den 8: Januari ontvangen wij van gem: Ministers nader schrijven, datze ons geen schip om rijst zenden kosten, het geen ons niet weinig verleegen maakte, want op den eerste Eisch van 700:–. lasten, waaren noch maar 264: lasten voldaen en bovendien waaren noch 300: nader besprooken, die de Ministers nu wel verklaarden niet zeer noodig te heb„ „ben, doch waar van wij ten minsten gaarne een gedeelte zenden wilden, en Middelwijk kost bij de papier en houtwerken weinig van belang inneemen. §5: wij resolveerden derhalven 't schip De Zeeuw met rijst voor Ceilon te belaaden en ver„ „zochten de Ministers dien boodem ten eersten terug tezenden, om de kaier die reets inge„ kocht of ten minsten besprooken was, voor Batavia aftehaalen. § 6: Dienvolgende vertrok De Zeeuw met 500:— lasten rijst naar kolombo, doch toen wij een begin maaken wilden met het belaadden van Middelwijk Middelwijk werd de afbrenging van rijst uit de noordlijke landen, van den koning van koetsiem gestuit door 'siNababs Bedien„ „den in 't Landschap Paponettij, die van de rijst tol begeerden, ende vaartuigen daar voor in arrest hielden. „ nu § 7: Hoe wiel de koning ons verzeekerde dat dit beletzel schielijk zoude weg genoomen word zoo kosten wij daar op zo vast niet gaan, om onzen voorraad tot het belanden van 't schip aantespreeken, temeer wijl hier over al mi was en schaarsheid is, en het oogmerk van den Nabab mogelijk wel kost geweest zijn, om de rijst van den koning aan te slaan, en hem te dwingen om alles hem te leeveren. §8: En wijl wij ter zelver tijd van de Ministers onderricht waaren, dat zij van Bengale een ruim ontzet gekreegen en dus de laast besprookene 300: last niet noodig hadden, zoo resolveerden wij het schip Middelwijk alleen de pre„ „per en eenige kleenigheeden voor Ceilon integeeven en voor het ovrige met kaier voor voor Batavia te belaaden, en wij ver„ „zochten de Ceilonsche Regeering bij een brief over Tutukorijn, om geen schip om kaier herwaards te zenden. §4: Doch twee of drie dagen na het afgaan van deezen brief kreegen wij van kolombo nader aanschrijven. dat ze op 't onverwachtste van Jafna en 't verder Noorderdeel van Ceilon zeer zwaarmoedige berichten van mis was gekreegen hadden, en dus uit vreeze voor schaarsheid en gebrek op 't nieuw driehonderd lasten rijst van ons verzochten. §10: Ter zelver tijd ontvingen wij ook een na„ „deren eisch van houtwerk die bij de bevoo„ „rens geeischte reets een aanzienlijke ruim„ „te in een schip beslaan zoude, en wijl de hindernissen tegen het afbrengen van rijst zederd uit den weg geruimd waaren, en wij dus de nadere geeischte 300: lasten naklijk voldoen kosten: zoo hebben wij op 't nieuw een schip geeischt, om dezelve en teffens de houtwerken en alle verdere geeischte goederen inteneemen, en daarbij voor voor de Hoofdplaats ook de verdere kaier te laaden, die anders zoude moeten overliggen blijven, waarop wij, onder 't schrijven deezes noch antwoord verwachten. — § 11: Op een ingediend verzoek schrift van den kapitain Kornelis De klerk geinsa„ „reerd ter resoluutsie van den 28: december J:o leeden is aan het schip een nieuw groot bram„ zeil verstrekt in steede van het op de reize van kolombo naar herwaards onbequaam geraakte, ook is de schuit gekalfaat en d'een en andere geringe reparaatsie ge¬ „daan, mitsgaders twee maande gasie aan d' Equipasie verstrekt. § 12: bok heeft daar aan volgens resoluutsie van den 20:e deezer een zwaar Anker en kaier„ touw moeten verstrekt worden in steede van het geen bij 't winden van hetzelve op deeze rheede verlooren is, blijkens beëëdig„ de verklaaring van de scheeps Officieren. De Equipasiemeester is daarop gelast naar het verlooren Anker te laaten visschen doch heeft tot nu toe hetzelve niet opge„ daan. van ste § 13: van dit schip zijn snachts tusschen den 27: en 28:te Januari een Bootsmansmaat, een onder kuiper en vier Mattroozen met de Jol van 't schip gedeserteerd; waarop wij ten eersten zoo wel den koning van Jrevankoor als den Engelschen Resident te Ansjengo verzocht hebben, dezelven indien zij daarna toegevlucht waaren, aan ons uit te leeveren. § 14: Doch van beide hebben wij tot antwoord bekoo„ „men, dat zij daar niet vernoomen waaren en zeder hebben wij van Jnlandsche vaartuigen gehoord, dat zij naar de Noord gevlucht en dus waarschijnlijk bij den Nabab dte kali„ „kut ter rouw gekoomen zijn. § 15: De bevinding op de uitgeleeverde laading van dit schip is geinsereerd bij onze resoluut „sie van den 20: deezer in extrakt hierne„ „vens gaande, waarbij de gepermitteerde minderheeden op de van Batavia aange„ „bragte ijzer en spijkers gepasseerd zijn, terwijl wij nopens eenige weinige bom„ „men, die met gaaten en gallen bevonden zijn, beslooten hebben, dezelven bij de Jaar„ „lijxe excercietsie van de Arthillerij te gebruiken.

NL-HaNA_1.04.02_10319_0060 view scan ↗

English

to use. Section 16: On the copper and pig lead received at Colombo from the ship Zeeland, as well as on the brandy, gin, linseed oil and olive oil, bacon and meat, the permitted deficits have also been passed, but concerning 43 bottles of sack wine that were broken out of 250 bottles, we believed we had to take into consideration that the three crates in which they were enclosed were received at Colombo from the ship Zeeland without opening, and were laden again as such into Middelwijk, thus the superiors could suffice with delivering the crates undamaged, wherefore we have passed the same for write-off, alongside some small items for the armory, artillery, and shipyard, likewise shipped at Colombo in the same manner and found spoiled here, just as we have also further decided to have 650 ells of old sailcloth discarded, which were found rotten and entirely useless; furthermore, one bolt-rope cask, known in the Colombo bill of lading as No. 2, containing 7 pieces of lines and 10 bundles of marline, was not received here, and on the other hand, another bolt-rope cask marked No. 1 was delivered here, which is not known in that bill of lading, in which were found: 1 piece bolt-rope of 3 thumbs 110 fathoms 1 piece bolt-rope of 2 1/2 thumbs 110 fathoms 1 piece bolt-rope of 2 1/4 thumbs 110 fathoms 1 piece bolt-rope of 2 thumbs 110 fathoms 2 pieces bolt-rope of 1 1/2 thumbs 110 fathoms 2 pieces bolt-rope of 1 1/4 thumbs 110 fathoms 3 sounding lines of 18 threads 70 fathoms 2 sounding lines of 15 threads 70 fathoms 6 lines of 12 threads 50 fathoms 7 lines of 9 threads 50 fathoms and since all the lines, bolt-ropes, and marlines mentioned in both casks were allocated to us according to the homeland invoice, we have had the contents received in cask No. 1 entered according to the homeland invoice, and charged to Colombo the unreceived 7 pieces of lines and 10 bundles of marline that should have been in cask No. 2, but were not received here, and the ministers there, who have also already partially discovered this error and discussed it with us by letter of the [illegible] of this month, have been comprehensively elucidated concerning this, under transmission of an extract from this our resolution and the findings inserted therein. Section 17: In this ship we have shipped: For Batavia: fifty crates with wax candles two crates with medicines 225 candyl salted coir two small boxes with cardamom samples and some unusable goods further mentioned in the bill of lading Through Colombo: 2 crates with medicines 13 lasts and 681 lb rice 7 lasts and 1975 lb wheat 16 lasts and 1976 lb katjang 150570 lb pepper 21 corges cowhides 500 lb sandalwood 2000 lb candles 1800 lb raw wax and furthermore 41000 rupees in a crate. Section 18: With this ship we have granted transport to two pilgrims named Abdul Rachman and Elbe Achmat, who went with a passport in the year 1780 from Batavia via Surat to Mocha and have now returned here. Section 19: Herewith we commend Your High Nobilities and the important interests of the Company into God's protection and remain with all respect and fidelity, underwritten, High Noble, Right Honorable, Far-Ruling Lord, and Right Honorable, Stern Lords, Your High Nobilities' humble and faithful servants, was signed, P. I. van Angelbeek, P. F. Gebhard, I. L. van Spall, I. A. Cellarius, W. van Haetten, Adriaan Poolvliet, and Jan Scheids; in the margin: Cochin, 25 February 1787. Agrees, Arnold Lunel, first sworn clerk. Mr. Hardegen Checked. Batavia Receipt of the letter To His High Nobility, The High Noble, Right Honorable, Far-Ruling Lord Mr. Willem Arnold Alting on behalf of the state of the Free United Netherlands and its General Chartered East India Company, Governor-General, and The Right Honorable, Stern Lords Councillors of the Netherlands Indies. High Noble, Right Honorable, Far-Ruling Lord, Right Honorable, Stern Lords. The ship Sparenrijk destined for Surat having brought here on 22 January last: 1. The letters and papers for our Government and especially expression of thanks for the approval of our actions; unforeseen long stay of a crew of Moors in Ceylon; care will be taken in that regard. the highly honored missive of Your High Nobilities of 21 November of the past year with the enclosures, we shall begin our annual description with its respectful reply. Section 2: First of all, we express our humble gratitude for the favorable approval of our past year's proceedings and assure that we shall follow the attached remarks and issued orders with the utmost precision. Section 3: When the ship De Batavier was dispatched from here past year with a crew of Moors, we could not foresee that the same would be employed for so long in the Ceylon government. Section 4: This time a crew has again been placed on the ship De Zeeuw to replace those returned and discharged, but we shall in the coming year, when a ship with Moorish sailors above the necessary crew

Dutch transcription

gebruiken. § 16: Op het te kolombo uit het schip Zeeland ont„ „vangene koper en zeuglood, als mede op de Brandewijn, Genever, lijn oli en Olijven olie, spek en vleesch, zijn de gepermitteer „de minderheeden mede gepasseerd, doch nopen 43: bottels sekwijn die op 250: bottels gebroo „ken waaren, hebben wij vermeend te moeten in aanmerking neemen, dat de drie kas „sen waarin dezelven zijn beslooten geweest, te kolombo van het schip Zeeland, zonder te openen, ontvangen, en weeder zoodanig in Middelwijk gelaaden zijn, dus des overhee „den volstaan konden, met de kossen onbe„ „schaadigd over te leeveren, weshalven wij de „zelven ter afschrijving gepasseerd hebben, nevens eenige geringe goedertjes voor de wapenkamer, Arthillerij en Equipa „sie - werf mede op dezelve wijze te ko„ „lombo afgescheept en hier bedorven bevonden gelijk wij ook noch beslooten hebben 650: ellen oude zeilen te laaten wegwerpen die verrot en ten eenemaal onbequaam bevonden zijn; voorts is een Lijkvat bij 8 bij het kolombosche kognossement met N:o 2: bekend staande, waarin 7: p:s lijnen en 10:— bossen Marlijn zijn, moesten hier niet ont„ „vongen, en daar en teegen is hier een ander Lijkvat N:o: 1: gemerkt uitgeleeverd, het welk bij dat kognossement niet bekend staat, waar in 1: p:s lijk â 3: d=m 110: vaam „ 2½: „ 110: _=o 1:„ „ 2¼. „ 110 . . . - - d=o 1: „ „ 2. –. „ 110: - . . „ 1: „ „ 2: „ „ 1¼. „ 110: . . . „ „ 2. „ „ „ 1½: „ 110: - . - „ 3: loodlijnen a 18: draats 70: daam 2: _=o _=o „ 15: _=o 70: _=o 6: lijnen. . . . „ 12:. . . . „ 50. . . . d–o 7: _=o. . . „ 9. . . . „ 50:. . . - „ gevonden zijn, en vermits alle de Lijnen, Lij¬ „ken en Marlijnen in beide vaten vermeldt, volgens de Vaderlandsche faktuur ons toegedeeld waa„ „ren: zoo hebben wij het ontvangene in het vat N:o 1: volgens de Vaderlandsche faktuur laaten inneemen en de niet ontvangen 7: p:s lijnen en 10: bossen marlijn, die in het Vat N:o 2: moesten weezen, doch hier niet ontvangen zijn zijn, naar kolombo aangereekend, en de Ministers aldaar, die dit abuis ook reets gedeeltelijk ontdekt en ons daar over bij brief van den „ste e dezer onderhouden hebben, hier omtrend omstandig geelucideerd, onder toezending van een extrakt uit deeze onze resoluutsie en de daar bij geinsereerde bevinding §17: In dit schip hebben wij afgescheep Voor Batavia vijftig kisten met waxkaarsen twee kisten met Medikamenten 225: kandijl gezoute kaier twee kasjes met monster karda¬ mom en eenige onbequaame goederen nader bij het kognossement vermeld door kolombo 2: kisten met Medikamenten 13: Lasten en 681: lb: rijst „ 1975: „ Garive 7. d=o 16: „. . . . „ 1976: „ katjang 130570: t l: 150570: lb: paper 21: korgies koehuiden 500: lb: sandelhout „ kaarsen 2000: „ ruw wax 1800: en voorts 41000: ropijen in een kist §18: Met dit schip hebben wij trans„ „port verleend aan twee Bede„ „vaartgangers met naamen Abdul Rachman en Elbe Achmat de met een paspoort in het Jaar 1780: van Batavia over soerat: „te naar Mocha gegaan en thans alhier terug gekoomen zijn. § 19: Hiermede beveelen wij Uw Hoog „edelheeden en de wigtige belangen der Maatschappije in Gods bescher„ „ming en blijven met alle eerbied en trouwe /:onderstond:/ Hoogedele, Grootachtbaare, wydgebiedende Heer, en Weledele Gestrenge Heeren uwer uwer Hoog Edelheeden onderdaanige en getrouwe Dienaaren /:was geteekend/ P: I: van Angelbeek, P: F: Geb„ „hard, I: L: van Spall, I: A: Cellarius, W: van Haetten, As Adriaan Poolvliet en J:n Scheids, /:in marsine:/ Koetsiem den 25:e Februari 1787. Akkordeerd Arnold Lunel E: G klerk. ge n/ S„r hardegen Nagezien Batavia ontvangst van den brief Aan zijn Hoogedelheid, Den Hoogedelen, Groot achtbaaren wijdgebiedenden Heer M:r Willem Arnold Alling wegens den staat der vrije vereenigde Nederlanden en haare algemeene Geoktroieerde Oostindische kompanie Goeverneur Generaal ende De weledele Gestrenge Heeren Raaden van Nederlands Jndien Hoogedele, Grootachtbaare, wijdgebiedende Heer, Wel edele Gestrenge Heeren. Het voor soeratte bestemde schip Sparenrijk op den 22: Januari Jongst„ „leeden hier aangebragt hebbende. 31: De Brieven en Papieren voor ons Goevernement en inzonderheid de im en O dankbetuiging voor de goedkeuring onzen verrigtingen onvoorziene lang verblijf van een voloeg mooren de Ceilon. daar omtrend zal zoyg gedruygen worden. de zeer geeerde Missive van Uw E Hrog„ „edelheeden van den 21 e November des voorl: Jaars met de bijlagen, zullen wi onze Jaarlijxe Beschrijving met derzel„ „ver eerbiedige beantwoording beginnen „o §2: Voor af betuigen wij onze ootmoedige dankbaarheid voor de gunstige appro„ „baatsie van onze voorjaarige verrich„ „tingen en verzeekeren dat wij de bij „gevoegde aanmerkingen en verleende beveelen met de meeste nauwkeurig „heid zullen achtervolgen. 53. soen het schip De Batavier voorl: d aa Jaar van hier met eene ploeg Mooren gedepecheerd wierd; konden wij niet voorzien, dat hetzelve in het Ceilonse goevernement zoo lange zoude geem „ploieerd worden. §4. Ditmaal is op het schip De Zeeuw wederom eene ploeg geplaatst tot ver vulling van de terug gekoomene en afgedankte, doch wij zullen in den janga aanstaande, wanneer een schip met Moorsche Matroozen boven de noodig land do geschen Equipasie

NL-HaNA_1.04.02_10319_0069 view scan ↗

English

state squadron. the gift goods for the Nabab have been delivered to Travancore. concerning the purchased cloves. equipage departs via Ceylon, warn the ministers that they transfer them onto the first departing ship. 35. For the national squadron under commander Van Braam, no English beer and no Madeira wine was purchased here, because none of it was to be had; the geese and ducks were purchased at the express request of the Ceylon ministers, by letter of 20 November 1785. § 6: The goods that were purchased as a gift for the Nabab, but were not used for that purpose because he did not come to Calicut, have since served as a gift to the king of Travancore during His Highness's presence here, of which a further report will be made later in this document. § 7: The 12 lb of cloves for a gift to this ruler in the year 1785 mentioned in the resolution of 13 September had to be purchased, because Malabar cardamom sample is forwarded concerning the Danish guns. because there was none of it in stock at the time. § 8: On Your Right Honourables' order in § 18 we now send two small boxes with Malabar cardamom as samples of two kinds, marked L:a A: and L:a B:; the first kind, L:a A:, is produced in the land of the king of Cochin, is round and dark or brownish in husk, and is the one of which the sample was sent to Europe last year; the second is produced in the land of Travancore, is oblong and narrow, appears pale or straw-yellow in colour, and the pit or kernel, in which the spice actually consists, is somewhat smaller but very fragrant. Of the first kind one could supply 1000 lb, of the second 2000 lb annually, at one and a half or one and three-quarter rupees per pound. § 9. On our question to the ministers in Ceylon whether they knew a better outlet for the remaining Danish guns, they requested, by letter of 17 May concerning last past concerning the price of the powdered sugar in the past year. last, to send them those that might not be found entirely unserviceable, and to deal with the rest as we best could; following this, the same were further inspected by commissioned officers, who indicated by a written report that of the remaining 1574 pieces, 1320 pieces were found undamaged and to that extent serviceable, but the remaining 254 pieces defective; the latter lot has already been sold for the going rate, the report of which has not yet arrived, and the remaining ones are to be sent to Colombo according to the wish of the Ceylon ministers. § 10: We would gladly have stipulated more than 15 rupees for the picul of powdered sugar last year if there had been an opportunity for it, but the merchants declared they could not give more for it, and this has also appeared to us from the prices for which they sold it to the Bombaras. and that unloaded from the Surat ship. For the poor pepper supply the Governor will report separately. § 11: That the sugar unloaded from the Surat ship was able to fetch sixteen rupees is to be attributed to the great scarcity of the same at a time when the Bombaras had to leave, and we can assure Your Right Honourables that our merchants gained very little or rather nothing on it. § 12: The remarks that Your Right Honourables please to make about the poor pepper supply from the king of Travancore, we very readily agree with; we have also urged its improvement annually and employed all means that seemed serviceable to us to that end, without having brought it about thereby. § 13: But as this also formed a principal subject of the negotiations with this ruler during his recent presence here, and especially with his ministers after his departure, of which the undersigned concerning the cardamom plants they are to be sent again. undersigned governor will have the honour to report respectfully to Your Right Honourables in a separate secret letter, we request to be allowed to refer thereto. § 14: The cardamom plants that the ship De Batavier took in here last year were nurtured for some months before shipment in the Governor's garden in well-tended, spacious tubs with rich and clean soil, and delivered to Captain Laurits in a good, even luxuriant condition. § 15. Nor is this plant, once it has taken root, so delicate that it cannot be easily transported under moderate supervision. § 16: In the coming rainy monsoon we will again do our best to obtain some plants and ship them well cared for; it will then depend on good attentiveness on board to bring them over well. § 17: We will do everything in our power in future the debt of the Regent of Cannanore. obstacles which it causes. in future to collect the debt in question from the Regent of Cannanore, but Your Right Honourables can easily foresee from the frivolous pretexts and evasions that she makes against this claim, and continually repeats notwithstanding our solid refutations, that we have little hope of succeeding therein. § 18: Meanwhile it would be very much to be wished that this stumbling block, which currently noticeably impedes correspondence and trade with that merchant city, could be cleared out of the way, for then there would still be quite a lot to do there; at least we assume that the merchants and even the Bibi, who currently shun this place out of fear that they might suffer trouble over that debt, would then bring their cardamom and pepper, which they currently sell to the Bombaras, to market here, where various products are produced that are drawn thither and

Dutch transcription

lande erquader. de geschenk goederen voor den Nabab is aan Jrevankoor afgegeeven. aangaande de ingekochte nagele. Equipasie over Ceilon vertrekt, de Minis„ „ters waarschuwen, dat zij dezelven op het eerst vertrekkende schip doen overgaan. 35. Voor slands Eskader onder den Heer kom„ nopens bier gn Maderurijn voor „mandeur van Braam is hier geen En„ „gelsch bier en geene Madera wijn, inge„ „kocht, wijl daar van niets te bekoomen was, de Ganzen, en Eenden zijn inge¬ „kocht op het expres verzoek van de Cei„ „lonsche Ministers, bij brief van den 20:e November 1785. §6: De goederen, die tot geschenk voor den Na„ „bab ingekocht waaren, doch daar toe niet gebruikt zijn, door dien Hij niet te kalikut gekoomen is, hebben zeder gediend tot geschenk aan den koning van Grevankoor, bij zijn Hoogheids aanweezen alhier, waar van in 't ver„ „volg deezes nader verslag zal gedaan worden. § 7: de 12: lb: garioffel nagelen tot geschenk aan deezen vorst in 't Jaar 1785. ver„ „meldt bij resoluutsie van den 13:e Sep„ „tember hebben moeten ingekocht worden, om Malabaarsche monster kardamom gaat door over de Dankche geweest. om dat toen daar van niets in voorraad was. § 8: op uwer Hoogedelheeden bevel bij § 18: zenden wij thans twee kasjes met Malabaarsche kardamom, tot morsters van twee soorten, gemerkt L:a A: en L:a B: de eerste soort L:a A: valt in 't land van den koning van koetsiem, is ronden donker, of bruinachtig van schille, en is de geene, waar van het Monster voorl: Jaar naar Europa gezonden is; de tweede valt in 't land van Jre¬ „vankoor, is langwerpig en smal, doet blank of stroogeel van kleur, en de pit of kern, waarin eigentlijk de spe „cerij bestaat, valt wat kleener doch zeer geurig. — van de eerste soort zoude men 1000: lb:, van de tweede 2000: lb: sjaars kunnen bezorgen, tegen anderhalf of een en driequart ropij het pond. §9. Op onze vraage aan de Ministers te Cei lon, of zij met de oorige Deensche gew „ren een beeteren uitweg wisten, heb„ „ben dezelven, bij brief van den 17:e Mai nopens Jongstleeden voorle moppen de prijs va de poeder suiker in voorleeden Jaar. Jongstleeden, verzocht, henl: de geenen, die niet geheel onbruikbaar bevonden mogten worden, toetezenden, en met de rest, te handelen, zoo als wij best kon„ „den, dien volgende zijn dezelven nader gevisiteerd door Gekommitteerde officiers die bij een schriftlijk rapport aangewee„ „zen hebben, dat van de restant gebleeven 1574: p:s 1320: p:s onbeschaadigd en in zo ver bruikbaar doch de ovrige 254. p:s defekt bevonden zijn, de laaste partij is reets voor het geldende verkocht, waar van het bericht noch niet ingekoomen is, en d' ovrigen staan volgens begeerte der Ceilonschen Ministers naar ko„ „lombo gezonden teworden. §10: Gaarne hadden wij voorleeden Jaar meer dan 15: ropijen voor de pikol poeder suiker bedongen indien er kans toegeweest waare, doch de koop„ „lieden betuigden, daar niet meer voor te kunnen geeven, en dit is ons ook aan de prijzen gebleeken, waar voor zij dezelve aan de Bombaras verkocht hebben. en die van het soeratsche schip geligte. Ooor de sleyte peper leverantsie zal de Goeverneur apart verslag doe. hebben. §11: Dat de uit het soeratsche schip geligte su „ker sestien ropijen heeft mogen gelden is toeteschrijven aan de groote schaarsheid van dezelve, op een tijd, dat de Bomba„ „ras weg moesten, en wij kunnen uw Hoogedelheeden verzeekeren, dat onze kooplieden daar heel weinig of liever niets opgewonnen hebben. § 12: De aanmerkingen die uwe Hoogedel„ „heeden over de slechte peper Leverantsie van den koning van Grevankoor gelieve temaaken, stemmen wij zeer gereedelijk toe, wij hebben ook Jaarlijx op deszelfs verbeetering aangedrongen en daar toe alle middelen, die ons dienstig scheen„ in 't werk gesteld, zonder dezelve daar door te weege gebragt te hebben. §13: Dan dewijl dit mede een voornaam onderwerp heeft uitgemaakt van de onderhandelingen met deezen vorst bij zijn Jongste aanweezen alhier, en inzonderheid met zijne Ministers na zijn vertrek, waar van de onder„ „geteekende aangaande de hortamomplantjes staan weder gezonden teworden. „geteekenden goeverneur de eer zal hebben uwe Hoog edelheeden bij aparte sekreete Missive eerbiedig verslag te doen: zoo ver„ „zoeken wij ons daar aan te mogen gedraa„ „gen. § 14: De kardamon plantjes die het schip De Batavier hier voorl= Jaar ingenoomen heeft, zijn eenige maanden lang voor den afscheep, in 's Goeverneurs tuin, in wel„ „verzorgde ruime bakken; met vette en zuivere aarde gekoesterd, en in een goeden zelfs weelderigen staat aan kapitain Laurits afgegeeven. § 15. Ook is deeze plant, als ze eens wortel ge„ „schooten heeft, zoo teer niet, of ze laat zich bij een martig toezicht maklijk vervoeken: § 16: wij zullen in d'aanstaande regen mous„ „son wederom ons best doen, eenige plan„ „ten te bemachtigen; en wel bezorgd afscheepen, het zal als dan van de goede op lettendheid aan boord afhangen om ze goed overtebrengen. §. 17: wij zullen al, wat van ons afhangd, in vervolg de schuld van de Regentesse van kann„ noor. hindernissen die dezelve toebrengt. in 't werk richten, om de bewuste schuld van de Regentes te kananoor inte pal „men, doch uwe Hoogedelheeden hun „nen uit de frivoole voorwendzels en uit„ „vluchten, die zij teegen deeze pretentsie maakt, en onaangezien onze bondige wederleggingen geduurig herhaald, ligt voorzig, dat wij weinig hoop hebben, van daar inteslaagen. § 18: zeer waare, het middelerwijle tewen„ „schere dat deeze steen des aanstoots, die de korrespondentsie en den handel met die koopstad thans merklijk verhinderd, uit den weg kost geruimd worden, want dan zoude daar meede noch al wat te doen, vallen, althans wij veronderstellen, dat de kooplieden en zelfe ook de Bibi die deeze plaats thans schuwen uit vreeze dat zij over die schuld mogten last lijden, haare kardamom en peper die zij thans aan de Bomba„ „ras verkoopen, als dan hier zouden ter markt brengen, waar verscheidene produkten vallen, die ginter getrokken en

NL-HaNA_1.04.02_10319_0075 view scan ↗

English

Regarding the expensive repairs. Regarding the burdens. and are needed, and now have to be bought by them second-hand. Section 19: Your High Excellencies' recommendation to avoid all capital and expensive repairs as long as one finds oneself in such a straitened condition, we shall dutifully observe; we ourselves are so strongly convinced of its necessity that we shall postpone our proposal for a heavy repair of Koilang, which certainly seems to become necessary, to a more favorable moment. Section 20: That we continue to employ all efforts toward the reduction of the annual burdens, of that Your High Excellencies will find speaking proof anew in our statement of accounts; yet they nevertheless run much higher than the reflections of the Honorable Ordinary Councillor Schreuder, of blessed memory, and Your High Excellencies' dispositions upon them permit, and cannot, in the present circumstances, be reduced to the sums designated for that purpose, as the military department currently costs more than twice as much per year, and according to our modest view cannot be reduced further without exposing the entire office to a visible danger. Section 21: A notable reduction in the burdens could, however, still be brought about in the interest charges, which burden our statement of accounts each year since the war with 22870. 1. 8 florins, whereas before the same they seldom ran above 2000 florins; and the same would already have taken place for the greatest part at the closing of our latest books, if we had been permitted to apply the net remaining profits toward the redemption of the borrowed capital, instead of having had to send everything to Ceylon in order to keep that government out of embarrassment, as we shall have the opportunity to argue further in the continuation. About the demanded nutmegs and cloves. Section 22: We indeed knew that the harvest of nutmegs at Banda has greatly decreased, but had no clear idea thereof to be able to determine our demands of mace and nutmegs accordingly; and since at the time of drafting our latest demand the remainder of the cloves consisted of 69030.-.- lb, to which 30000:-- lb was demanded by us anew, we thought with our demand of 30000 lb of nutmegs and 60 sokkels of mace not to go beyond the proportion that was prescribed to us in Your High Excellencies' dispatch of 9 July 1784. But being now more closely informed, we have, in drafting the demand now being transmitted, set only half of what we see a chance of selling in a year for the stipulated high prices. Section 23: The recruitment of a company of young, brisk sepoys under a captain and other officers who previously have given satisfaction in the Company's service has been assigned to the commandant of Cranganore; and we do not doubt that he will succeed during the coming bad monsoon and enable us, with one of the first ships departing in the autumn from Ceylon for the capital, to send over a fine company; and if we should manage to assemble half a company still this spring and find an opportunity to convey them at once to Ceylon or also directly to the capital, we hope to do well if we send them ahead under the supervision of a capable officer. Regarding the provision of sepoys. Section 24: Regarding the four coils of rigging sent from here. The justification in that regard by the equipage master. Regarding the four coils of Dutch rigging sent from here that were found unserviceable upon delivery at Batavia, we demanded a report from the equipage master Van Blankenberg, which we have the honor to present herewith, wherein he indicates: 1. That these four coils of rigging have lain here in the warehouse since the year 1778 for the service of arriving ships, but that during that time they found no use, and could also not be sent back in recent years for lack of opportunity on account of the war with England. 2. That he, the equipage master, out of apprehension that this cordage, which for the aforementioned reason had to lie in the warehouse for six years through no fault of his, might finally become unserviceable, had requested permission to send the same back and to demand as much new or fresh cordage in its place, but that upon its dispatch it was not evident that it was already unserviceable. 3. That the allegation of Captain Jan Jansz. Louritz that he had notified the equipage master thereof and received in reply that the aforementioned rigging was sent for that reason, or because it was unserviceable, consists of pure untruth; and he, the equipage master, also has no knowledge of the declaration of two officers to which Captain Louritz referred, for otherwise he himself would have requested a closer inspection. 4. That he, the equipage master, instead of those four coils of rigging, placed four others on the requisition because these ought to be kept in stock here for the ships, but that it does not follow therefrom that those sent over were already perished, since the return was made out of apprehension that in time they might fall into that state. Section 25: We have found this justification to be of such a nature that in our council meeting of 20 February last we resolved to bring the same to the attention of Your High Excellencies.

Dutch transcription

nopens de kostbaare reparaatse„ aangaande de lasten. en benoodigd zijn, en nu door henl: uit de tweede hand moeten gekocht worden. §19: uwer Hoogedelheeden rekomman„ „daatsie om alle kapitaale en kostbaare reparaatsien te exkuseeren, zoo lange men zich in zulk een bekrompen staat bevindt, zullen wij plichtschuldig obser„ veeren: wij zelve zijn van haare nood„ „zaaklijkheid zoo zeer overtuigd, dat wij onzen voorstel tot een zwaare repa„ „raatsie van koilang, die zeeker noodzaaklijk schijnt teworden tot een gunstiger tijdstip zullen uitstellen. § 20: Dat wij alle pogingen tot verminde„ „ring van de Jaarlijxe lasten blijven aanwenden, daar van zullen uwe Hoogedelheeden op het nieuw spree„ „kende bewijzen bij onze staatreeke„ „ning aantreffen doch dezelven loopen niet te min noch veel hooger dan de bedenkingen van den Heer Raad ordinair Schreuder /:g: g:/ en uwer Hoogedelheeden disposietsien op de„ „zelven toelaaten, en kunnen ook, in de ne ken niet kan worden gebragt waarom dezelve op den bepaelen vaat de tegenwoordige omstandigheeden tot de daar toe bepaalde sommen niet verminderd worden, wijl het militaire departement thans meer dan eens zoo veel in 't Jaar kost, en naar ons gering inzien niet verder kan verminderd worden, zonder het heele kantoor aan een zichtbaar ge„ „vaar bloot te stellen. § 21: Eene merklijke vermindering van de lasten zoude echter noch te wege te brengen zijn in de intressen, die onze staatreeke „ning Ieder den Oorlog Jaarlijx met ƒ22870. 1. 8 bezwaaren, daar ze voor denzelven, zelder boven ƒ 2000: liepen, en dezelve zoude ook reets bij 't sluiten van onze Jongst Boeken voor 't grootst gedeelte plaats gehad hebben, bij aldien wij de zuivere overgeschootene winsten tot aflossing vo de opgenoomene kapitaalen hadden mogen aanwenden, in Steede dat alles naar Ceilon heeft moeten gezonden worden, om dat Goevernement buiten verleegenheid te houden, zoo als wij ge„ leegenheid zullen hebben, dit in het vervolg vervolg over de geischte Noots en Nagel„ vervolg nader te betoogen. §22: wij hebben wil geweeten, dat het ge„ was van de Nooten Muskaaten te Banda veel verminderd is, doch daar van geen net denkbeeld gehad, om onze eischen van Foeli en Nooten daarna te kunnen bepaalen, en wijl bij het formeeren van onzen laasten Eisch het restant der Nagelen in 69030. - . - lb: bestond, waar bij door ons op 't nieuw 30'000:——. lb: geeischt wierden: zoo meen„ „den wij met onzen Eisch van 30'000: lb: Nooten en 60: soekels foeli niet buiten de proportsie te gaan, die ons bij uwer Hoogedelheeden Missive van den 9: Juli 1784: is voorgeschreeven: Doch thans nader onderricht zijnde, hebben wij bij het formeeren van den thans overgaanden Eisch maar de helfte gesteld van 't geen wij kans zig, in een Jaar voor de bepaalde hooge prijzen te verkoopen. § 23: Het aanwerven van een komp: Jonge fluye sipahis onder een kapitain en aangaande de bestorging van Sipahis §24: Nopens de van hier verzondene vier stukken want. en verdere officieren die bevoorens in 'skomp dienst genoegen gegeeven hebben, is aan den kommandant van kranganoor op gedra „gen, en wij twijfelen niet, of hij zal in de aanstaande quaade Mousson reusseeren en ons in staat stellen met een der eerste scheepen die in 't najaar van Ceilon naar de Hoofdplaats vertrekken, een schoone komp: overtezenden, en bij aldien wij noch in dit voorjaar een halve komp mogten bij malkander krijgen, en go„ „leegenheid vinden dezelve ten eersten naar Ceilon of ook direkt naar de Hoofd „plaats te bezorgen: zoo hoopen wij wel te zullen doen, als wij dezelve voor uit zenden, onder opzicht van een bequaam Officier. Nopens de van hier gezondene vier stukken Vaderlands want, die bij de af„ leevering te Batavia onbequaam bevonden zijn, hebben wij van den Equi„ pasiemeester van Blankenberg bericht gevorderd, het welk wij de eer hebben hier neevens aantebieden, waar bij de verantwoording derweegens van den Equip asiemeester. bij hij te kennen geeft, 1: Dat deeze vier stukken want, zeder het Jaar 1778: hier in het pakhuis hebben geleegen, ten dienste van de invallen de scheepen, doch dat dezelven geduurende dien tijd, geen emploi gevonden hebben, en ook in de laaste Jaaren niet heb¬ „ben kunnen terug gezonden worden, door gebrek aan geleegenheid wegens den Oor„ „log met England. 2:e Dat hij Equipasiemeester, uit beduch„ „ting; dat dit touwerk hetwelk om reeden voormeld buiten zijne toedoen, ses Jaar in het pakhuis had moeten liggen eindelijk onbequaam mogt worden, ver„ „zocht had, hetzelve terug te mogen zenden en zoo veel nieuw of versch in de plaats te eischen, doch dat bij dies verzending niet gebleeken is/ dat het reets onbe„ „quaam was. 3: Dat het voorgeeven van kapitain Jan Jansz: Zouritz dat hij aan hem Equipasiemeester daar van kennis zou„ de gegeeven en daar op tot antwoord bekoomen oa vervolg vervolg 4 ns word kunne vorgedelheeden onder het oog gebragt. bekoomen hebben, dat het voorschreeve want, om die reeden /:of wijl het onbe„ quaam was: / verzonden wierd, in loute „re onwaarheid bestaat, en hij Equipo„ „siemeester ook geen kennis draagd van de verklaaring van twee officiers waar op kapitain Louritz zich beroeg want dat hij anders zelve een nadere visitaatsie zoude verzocht hebben. 4:e) Dat hij Equipasiemeester, in steede van die vier stukken want, vier anderen op den Eisch gesteld heeft, om dat die hier voor de scheepen dienen in voor„ „raad te zijn, doch dat daar uit niet volgd, dat de overgezondene reets ver„ geweest stikt zijn, door dien de terugzending geschied is, uit beduchting, dat ze in der tijd in dien staat mogten geraa „ken. §25. Wij hebben deeze verantwoording van die natuur gevonden, dat wij ter ses„ „sie van den 20:e febr: Jongstl:t in onzen Raade beslooten hebben, dezelve onder het oog van uwe Hoogedelheeden gul. vervolg.

NL-HaNA_1.04.02_10319_0081 view scan ↗

English

as well as to bring forward what might serve for his exculpation, and to intercede with Your Highnesses on behalf of our Equipage Master, in order to favorably acquit him of this compensation. Paragraph 26: partly because it was not his fault that this cordage had to remain lying here for so long, on account of the war which deprived him of the opportunity to dispatch it earlier. Paragraph 27: and partly because it had been the duty of Captain Lourits to give notice of this unfitness, which he admitted to have known, to the Chief Administrator or else to the Governor, whom he visited daily, whereupon an investigation could have been held thereafter in accordance with the custom of the Company. Paragraph 28: This would have been all the more necessary in the present case, because the decay of this cordage was caused not by neglect, but by its lying in storage for a long time during the period of war, without anyone's fault or doing, and one therefore should have tried all the more diligently to avert, or at least to diminish, the loss thereof, for which latter there would have been a chance here by selling it to the bombaras or other vessels at the prevailing rate, when at least something and probably still a considerable penny could have been made from it, whereas now, through the fault of Captain Lourits, everything is lost. Paragraph 29: The Bookkeeper Scheids was already provisionally appointed to the office of pay bookkeeper on 28 July 1785, and the news of the promotion of the young van Spall to Junior Merchant was only received here on 3 March 1786. We have thus chosen from the two Bookkeepers the eldest, who had served for over nine years as a transfer clerk in the Trade Office and had acquired there the necessary aptitude for that office. Paragraph 30: But even if the promotion of the aforementioned van Spall to Junior Merchant had been known to us at that time, the appointment of the aforementioned Bookkeeper Scheids would nevertheless have been favored by Your High Excellencies' resolution of 30 June 1766, whereby the selection of Bookkeepers for Secretarial, Trade, and Pay offices, without passing over Junior Merchants on account of superior aptitude, is permitted, which we would have had to make use of all the more necessarily at that time, because the pay transfer clerk was mortally ill at that time, just as he also subsequently passed away, and it would thus have been far too great a risk to entrust that office to a young Junior Merchant, who, however good his will and endeavor to perform might have been, had nevertheless had no opportunity to acquire the aptitude and experience necessary for it. Paragraph 31: On account of Your High Excellencies' favorable qualification, the senior surgeon Daniel van der Sloot has been appointed as Head Surgeon here, in place of Dupuits, who has repatriated by way of Ceylon. Paragraph 32: The Governor will provide himself with the shares in the Company that he must possess as Councillor of the Indies, but concerning the office of the Secunde and Chief Administrator, to which the rank of Senior Merchant is attached, we take the liberty to point out that the income of the same is very limited, and consists only of the share and the allowance for subsistence, which indeed suffices to live decently with wife and children, but not to set aside much from it; wherefore it would serve very much to the hardship of such an official and sometimes exceed his means to purchase such a share, respectfully requesting on that account that this official may remain exempt therefrom. Paragraph 33: In compliance with Your High Excellencies' honored order by resolution of 15 August 1786, our Hospital was inspected by the Outside Regents, Gebhard and van Blankenberg, who have stated in a written report that the sick are treated well and that their food is properly taken care of, but that they are provided with no bedding and thus have to manage poorly in this respect. Paragraph 34: We have hereupon resolved in our meeting of 20 February last to request Your High Excellencies, as we do hereby, to allocate to the Hospitalier henceforth six stuivers a month for bedding, as is done in the hospitals in the Government of Ceylon, in order to provide the sick with cots, blankets, and pillows. Paragraph 35: And since the floor in the large hall where the sick lie is too low, we likewise request authorization to have the same raised by one foot, which can conveniently be done without altering the windows and thus will cost a few hundred rupees at most. Paragraph 36: The board money of the soldiers in this government is certainly very low. The common soldier receives no more than 29 Indian stuivers, a corporal, for whom the considerations of the Ordinary Councillor Mr. Schreuder stipulate 3 in Indian money for board, enjoys only 1 guilder 18 stuivers 8 penningen, or one rupee and eight and a half stuivers, notwithstanding that the gunners receive two rupees, for which we do not know how to discover the reason, and the sergeants enjoy 7 guilders 13 stuivers 8 penningen, or 5 rupees 3 and a half stuivers. Paragraph 37: And since Your High Excellencies are pleased to require from us a statement as to how far their board money and rations could be increased, and at the same time have granted them an additional ration of wine, butter, arrack, salt, pepper, and vinegar, whereby their subsistence has already noticeably improved

Dutch transcription

als mede wat tot zijne verschooning kon dienen te brengen, en bij Hoogst dezelven ten behoe„ „ve van onzen Equipasiemeester te inter„ „cedeeren, ten einde hem van deeze ver„ „goeding gunstig vrij te kennen. §26: eensdeels wijl het zijne schuld niet ge„ „weest is, dat dat touwerk hier zoo lange heeft moeten blijven liggen, wegens den oorlog die hem de geleegenheid benam, hetzelve vroeger optezenden. § 27. En anderendeels; wijl het de plicht van kapitain Lourits geweest was van deeze onbequaamheid, die hij be„ „kend geweeten te hebben, aan den Hoofd„ „ administrateur of ook aan der Goe„ verneur, bij wien hij dagelijx quam, kennis te geeven, als wanneer daarna volgens stijl van de komp: had kunnen onderzoek gedaan worden. § 28: Dit was in het tegenwoordige geval te noodzaaklijker geweest, door dien het bederf aan dit touwerk niet door ver„ „waarloozing, maar door het lang leg„ „gen in den tijd van Oorlog, zonder iemands schuld of toedoen, veroorzaakt is, en „ men, vervolg vervolg over de aanstelling van scheidz tot soldij Boekhouder. men dus het nadeel daarvan des te naar„ „stiger had moeten trachten aftewen den of ten minsten te verminderen, tot welk laaste hier zoude kans geweest zijn, door het zelve aan de Bombaras of andere vaartuigen, voor het geldende te verkoopen, wanneer er ten minsten iets en waarschijnlijk noch een aanmerk„ „lijke stuiver voor had kunnen ge„ maakt worden. — daar nu door de schuld van kapitain Lourits, alles verlooren is. § 29: De Boekhouder Scheids is op den 28:e Juli 1785. reets provisioneel in het ampt van soldij boekhouder gesteld, ende tijding van de bevordering van den Jongen van Spall tot On„ „derkoopman is hier eerst den 3:e Maart 1786: ontvangen. wij hebben dus uit twee Boekhouders den oudsten geko„ „zen, die ruim negen Jaar als over„ „draager op 't Negootsie kantoor, ge„ „staan, en daar de noodige bequaam heid tot dat ampt verkreegen had. §30: Maar al was ons diertijds de be„ vordering „vordering van gem: van Spall tot on¬ „derkoopman bekend geweest, zoo zoude de aanstelling van gem: Boekhouder scheids nochtans gefavariseerd geworden zijn door uwer Hoogedelheeden Re„ soluutsie van den 30: Juni 1766: waar bij de verkiezing van Boekhouders tot Sekretarij - Negootsie en Soldij-ampten niet voorbij gaan van Onderkooplieden, uit hoofde van meerdere bequaamheid word toegelaaten, waar van wij dier„ „tijds te noodzaaklijker zouden hebben moeten gebruik maaken, wijl de sol„ „dij overdraager dier tijds doodziek was, gelijk hij ook Ieder overleeden is en het dus al te veel zoude gewaagd geweest zijn, dat kantoor aan een Jongen On„ „derkoopman op tedraagen, die, hoe goed ook zijn wille en betrachting om te voldoen geweest waare, echter geene geleegenheid gehad had de daar toe noodige bequaamheid en onder„ „vinding te verkrijgen. §31: Uit hoofde van uwer Hoogedelheeden gunstige vervolg. e tot oppermeester over de aksig die den Heer Goeverneur diend te hebben. verzoeke van den sekunde om daar van geexhuseerd teworden. aan tittig mn Daniel vin den Coor gunstige qualifik aatsie is de oudste Chirur„ „gijn Daniel van der Sloot, tot Oppermeester alhier aangesteld, in steede van Dupuits, die over Ceilon gerepa¬ „trieerd is. §32: De Goeverneur zal zich van de Aksier in de komp: voorzien, die hij als Raad van Jndien bezitten moet, doch nopen de Bediening van den sekunde en Hoofdadministrateur, waar aan de Qua¬ „liteit van Opperkoopman gehecht is gebruiken wij de vrijheid aantewijzen, dat de inkomsten van dezelve zeer bepaald zijn, en alleen bestaan in het aandeel en 't middel van bestaan, hetwelk wel toereikt om er met vrouw en kinderen fatzoenlijk van te leeven, doch niet om er veel van opteleggen; weshalven het zeer tot bezwaar van zulke Bediende en somtijds boven zijn vermogen zoude strekken, zich een dergelijke Aksie aanteschaffen verzoekende mits dien eerbiedig dat deeze Bediende daar van moge bevrijdt blijven. InC e skomp:s hospitaal Verzoek om bed goed voor de zieken e reparaatsie aan dat Huis. §33: Jn naarkoming van Uwer Hoogedel„ „heeden geëerd bevel bij resoluutsie van den 15: Aug:s 1786: is ons Hospitaal opge„ „noomen door den Buitenregenten, Geb„ „harden van Blankenberg, die bij een schriftlijk bericht opgegeeven heb„ „ben; dat de zieken wel behandeld wor„ „den en dat voor hunne kost behoorlijk gezorgd word, doch datze geen bedgoed verstrekt krijgen en zich dus in dit op„ „zicht slecht behelpen moeten. §34: wij hebben hier op in onze bijeenkomst op den 20: febr: Jongstl: beslooten Uwe Hoogedelheeden te verzoeken: gelijk wij doen bij deezen, aan den Hospitalier voortaan smaands ses stuivers voor bedde goed toeteleggen, zoo als in de hos„ „pitaalen in het Ceilonsche Goevernement geschied, ten einde de zieken van kadels, deekens en kussens te voorzien. §35: En wijl de vloer in de groote Zaal daar de zieken leggen te laag is: zoo verzoeken wij mede qualifikaatsie dezelve een voet te laaten verhoogen, het aald 8 Over het kostgeld der Militairen hoeing hetzelve zoude kunnen ver„ maerderen. het geen gevoeglijk geschieden kan, zon„ „der de vensters te verzetten en dus op zijn hoogst een paar honderd ropijen kosten zal. §36: Het kostgeld der Militairen in dit goe„ „vernement is zeeker heel gering. De ge„ „meene soldaat krijgt niet meer als 29: stuivers indisch, een korporaal, voor wie de bedenkingen van den Heer Raad ordinair Schreuder /3: indisch geld aan kostgeld stellen geniet maar ƒ1: 18. 8. of een ropij en agt en een halve Stuiver, niet tegenstaande de kanoniers, twee ropijen ontvangen, waar van wij de reed niet weeten optespeuren en de serjants genieten ƒ 7:13: 8. of 5: rop: 3½: stuivers. §37. En wijl uw Hoog edelheeden van ons gelieven een opgave te vorderen, tot hoe ver hun kostgeld en rantsoen zoude kunnen worden verhoogd, en ter zelver tijd aan henl: nader rantsoen van wijn, boter, Arak, zout, peper en Azijn, toegevoegd hebben, waar door hun bestaan reets merklijk verbeeterd

NL-HaNA_1.04.02_10319_0087 view scan ↗

English

Remark concerning butter, wine, arrack, etc. be improved: thus we judge that the sergeants can manage with their board money, but that the corporals may well enjoy the two ropijen a month allocated to them in the Considerations, just as the gunners, who are equal to them, actually do, and that the all too meager board money of the common soldier of only 29 stuivers may well be increased by 7 stuivers per month and thus be set at six schellingen, all the more because everything here has become noticeably more expensive for some years. §38: The ration of butter, wine, Arak, and what more, is certainly very advantageous for the people in places where they mess at a common table or with the baker, but here most non-commissioned officers and common soldiers are married and keep their own households, so that very few eat with the baker. Thus the distribution of the aforementioned rations here would have to be made to each man separately, which would not only be very cumbersome, but also not of the same will not serve them as well as money. Petition to be allowed to distribute it in money. How much that distribution will amount to in money. as much use and service to the recipients as the monetary value in its stead. The butter produced here is better for daily use and costs less than the Dutch butter, which for that reason is also requisitioned only in small quantities for visiting ships, should they be in need of it, and for other unforeseen contingencies; and poor non-commissioned officers and common soldiers, who are burdened with a wife and children, will rather do without the wine and Arak and prefer the monetary value, as it serves their household better. §39. Your High Excellencies would thus noticeably increase the benefit conferred upon our garrison by the allowance of the said rations, if Your High Excellencies would be pleased to allow the value thereof to be distributed in money, for which we hereby make a humble request. §40: The attached report from our trade administrator shows that these rations in money would amount to: for a sergeant 1 ropij and 27 stuivers; for How much the military uniform costs. For a corporal 1 ropij and 6½ stuivers; for a common soldier — 22 ditto; for which, if it pleases Your High Excellencies, the round sums of nine, six, and four schellingen could be distributed under the general name of supplementary ration. §41: Furthermore, we herewith present to Your High Excellencies the requested report concerning the costs of the military uniforms. According to it, the broadcloth uniform of the grenadiers costs rop: 15: 8. -. for the sergeants and rop: 11: 1½: for the corporals and common soldiers, with which they can manage for two years, so that the uniform costs rop: 7: 19: annually for the sergeants and 5: 15¼ for the common soldiers, which the Company pays, according to what was communicated to Your High Excellencies by the general letter of 5 January 1779, whereby the Governor annually gives a pair of boots to each, costing rop: 4:. §42: The broadcloth uniform for the fusiliers Concerning the vessels that are useful here. and Topasses, with the gaiters, costs rop: 16: 15: for two years for the sergeants, thus rop: 8: 7½ for one year, and rop: 10: 3½: for two years for the common soldiers, or rop: 5: 1¼: for one year. §43. The broadcloth uniform for the Easterners, including a double under-uniform of four linen waistcoats and trousers, costs 13 rop: 1½ ster: in two years for a sergeant, thus rop: 6: 15¾ in one year, and 10 ropijen 15¼ in two years for the common soldiers, or rop: 5: 7 7/8 in one year. §44: The Malabar sepoys and chegos have uniforms of blue linen with red facings; that of the former, who are provided with caps and long trousers, costs 6 ropijen annually, and that of the latter, with short trousers, without caps, 4 ropijen. §45: Furthermore, we herewith present to Your High Excellencies the requested report from our master of equipage concerning the vessels deemed useful here for cruising Continuation. Continuation. Continuation. Concerning the new plan of defense. and for loading and unloading, stating that the narrow-ship de Verwachting can serve here for the necessary cruising, and that the gamels and scows used for loading and unloading are very well suited for it and cause the least expense, and he therefore knows of no improvement to report in that regard. §46: The order of Your High Excellencies by minute resolution of 2 October to formulate a new plan of defense puts us in an awkward position, because no one among us, or among the other servants stationed here, possesses such a thorough knowledge of the military arts and military architecture, and even less military experience, as is required for this. That which we are capable of performing to satisfy this most beneficial intention will therefore at best consist of a simple description of the place and its environs, and of the available means for its defense, further including a statement of the defects that are thought to be found in both,

Dutch transcription

aanmerking omtrend boter, wijn, strak ent. verbeeterd word: zoo oordeelen wij, dat de serjants met hun kostgeld kunnen toekoo„ „men, doch dat de korporaals de hen bij de Bedenkingen toegelegde twee ropijen smaande wel mogen genieten, zoo als de kanoniers die met henl: gelijk staan, werklijk doen, en dat het al te geringe kostgeld van den gemeenen soldaat van maar 29: stuivers wel met 7: stuivers permaand verhoogd en dus op ses schellingen gesteld mag worden temeer wijl hier alles zeder eenige Jaaren merklijk duurder geworden is. §38: Het rantsoen van boter, wijn, Arak en wesmeer, is zeeker zeer voordeelig voor het volk, op plaatzen daar hetzelve aan een gemeene tafel, of bij den Bakmee„ „ster schaft, doch hier zijn de meeste On„ „derofficiers en Gemeene getrouwd, die ieder hunne eige menage doen, zoo dat bij den Bakmeester zeer weinigen eeten: Dus zou„ „de hier de verstrekking van voorsz: rant„ „soenen aan ieder Man apart moeten ge„ „schieden, hetwelk niet alleen heel omslag„ „tig, maar ook voor de genieters niet van dezelven zullen hen zoo wel als geld niet dieng. instantsie die ingeed temogen ver„ strekke. hoe veel die verstrekking aan geld zal bedraagen. van zoo veel nut en dienst zijn zoude, al de gelds waarde in de plaats; De boter, de hier valt, is tot dagelijks gebruik beeter en kost minder, dan de hollandsche, de daarom ook eenlijk in geringe quantiti voor de invallende scheepen, indien die er om verleegen zijn mogten, en voor ander onvoorziene toevallen, geeischt word, en hoe arme Onderofficiers en Gemeenen, die mekoot vrouw en kinderen belaaden zijn, zullen de wijn en Arak liever ontbeeren, en de geldswaarde prefereeren, als beeter in hunn huishouding te stade koomende. §39. uwe Hoogedelheeden zouden dus de wel „daad, die aan ons garnisoen, door de toelag van gem: rantsoenen beweezen is, merklijk vergrooten, indien Hoogst dezelven de woard daar van in geld wilden laaten verstrekken waar toe wij bij deezen needrig verzoek doen. § 40: Het nevensleggende bericht van onzen Ne„ gootsie - overdraager wijst aan, dat deeze rantsoenen in geld bedraagen zouden voor een serjant 1: ropij en 27: stvxr: voor 87 hoe veel de Militaire monteering Voor een korpiraal 1: ropij en 6½. stvxr: voor een Gemeene — „ 22. — d_o waar voor, met believen van uw Hoog„ „edelheeden, de ronde sommen van negen, ses en vier schellingen onder den Gemeenen naam van toegevoegd rantsoen zouden kun„ nen verstrekt worden; §47: Voorts bieden wij uw Hoogedelheeden hier nevens aan, het gevorderde bericht nopens de kosten der militaire montee„ „ringen, volgens hetzelve kost de Laken„ sche Monteering van de Grenadiers voor de serjants rop: 15:8. -. en voor de korpo„ „raals en Gemeenen rop: 11: 1½:, waarmede ze twee Jaar toe kunnen, zoo dat de Monteering Jaarlijx koot voor de Ser¬ „jants rop: 7: 19: en voor de Gemeenen 5: 15¼. hetwelk de komp: betaald, vol„ „gens het bedeelde aan uwe Hoog„ „edelheeden bij gemeene brief van den 5: Januari 1779. waar bij de Goeverneur Jaarlijx een paar laassen aan ieder geeft kootende rop: 4: §42: De Laakensche Monteering voor de Tuse„ „liers al mekost. d nopens de vaartuigen die hier dienstig zijn. „liero en Joepassen kost, met de slop koussen voor de serjants rop: 16: 15: voor twee, du rop: 8. 7½ voor een Jaar en van de Gemeene rop: 10: 3½: voor twee of rop: 5: 1¼: voor een Jaar. §43. De Laakensche Monteering aan de ooster„ „lingen, waar bij dubbelde ondermonteering van vier linne baatjes en broeken, kost voor en serjant 13: rop: 1½: ster: in twee dus rop: 6: 15¾. in een Jaar en voor de gewegen „meenen ropijen 10: 15¼. in twee of rop: 5:7 7/8. in een Jaar. §44: De Malabaarsche sipahis en sjegos heb„ „ben de Monteerings van blauw linnen met roode uitmonsteering, die van d' eerst die Mutzen en lange broeken verstrekt krijgen, kost Jaarlijx 6: ropijen en die van de laasten met korte broeken, zon„ „der Mutsen 4: ropijen. §45: Voorts bieden wij uw Hoogedelhee„ „den hiernevens aan, het gevorderde bericht van onzen E quipasiemeester nopens de vaartuigen die hier dienstig geoordeelt worden, tot de bekruissing en vervolg. vervolg. vervolg. Ge wegens het nieuwe pla nen dofensie en het lossen en laaden, behelzende dat het smalschip de verwachting alhier tot de noodige bekruissing didren kan en dat de gamels en schouwen waar van men zich tot het lossen en laaden bediend, daartoe heel goed zijn en de minste kosten veroorzaaken, en hij derhalven daar omtrend geene verbee„ „tering weet optegeeven. §46: De order van uwde Hoogedelheeden bij notulair besluit van den 2:e Oktober om een nieuw plan van defensie te formee¬ „ren, maakt ons verleegen, door die maand onder ons, of onder de verdere hier bescheide„ „ne Dienaaren zulk een grondige krijgs„ „kunde en krijgsbouwkunde en noch minder militair ondervinding bezit, als als hier toe vereischt word, het geen wij dus ter voldoening aan deeze zeer heilzaame bedoeling vermogen zijn te presteeren, zal op zijn best bestaan in een simpele beschrij„ „ving van de plaats en deszelfs environs, „ aan en van de „ handen zijnde middelen tot haare defensie, voorts in eene opgave der gebree„ „ken, die men in 't een en ander vermeend te en i

NL-HaNA_1.04.02_10319_0092 view scan ↗

English

the same is to be sent later. Congratulations on the promotion of the Honourable Messrs. von Stockum, van Greeve. to discover, and of the means to remedy the same. Paragraph 47: But this too is already a very elaborate work, which requires much careful assiduity, wherefore we respectfully request Your High Honours to take it in good part that we postpone the same until the rainy season, when we shall endeavor to accomplish the same as well as shall be possible for us, and to submit it in the autumn with one of the Ceylon ships, whereby we shall at the same time comply with the further requirement of Your High Honours' circular resolution of the 3rd of that month, regarding the reduction of the Civil department. Paragraph 48: Having seen from the extracts favourably sent to us from the secret extract of the Home Letter of 27 January 1786 the promotion of the Honourable Mr. Von Stockum to Ordinary Councillor and of Messrs. van der Beeke, Vermeulen, De Boek, and Greeve to Extraordinary Councillors of the Indies, we take the liberty humbly to congratulate their Honours thereupon and to wish God's blessing upon them and their important offices. Answer to the Extracts from the Home Letter. Paragraph 49: Considering the highly esteemed letters of Your High Honours and the resolutions and annexes belonging thereto as answered herewith, we let follow: Answered Extracts from the Home Letters of 5 and 23 November 1785. Extract from the letter written by the Assembly of Seventeen to the Governor-General and the Council of the Indies at Batavia, dated 5 November 1785. Paragraph 389: In the General Letter of the past year 1784, we expressed our confidence that Governor van Angelbeek would continue to pay careful attention to the movements of the English and would employ all possible and proper means to counter the designs of that nation to expand its power more and more also on the Coast of Malabar; it was therefore very pleasant for us to learn this immediately from the further letters, which were read by us this year, and we regard as consequences thereof the measures of the said Governor to cause the Company to repossess Paponetty and Settua, previously wrested from it by the Nawab Hyder Ali. It certainly serves as a comfort and encouragement to the first undersigned that the Lords Masters consider his faithful intentions and efforts to reoccupy Settua in a favourable light. Paragraph 390: The Company's garrison having been moved into those places through the commendable conduct of the Chief at Cranganore, the Junior Merchant Cellarius, virtually immediately after they were abandoned by the Nawab's people upon the surrender of the fortress of Palicatsery to the English, the way seems hereby to have been cut off for that nation to make themselves master of the aforesaid places, and the English will very likely also have been prevented thereby in the execution of their intention to restore the rulers expelled by the Nawab in the Samorin and Colastry lands. Paragraph 391: Time, however, will have to show whether the Ministers will be able to maintain themselves in the possession of those places. The letter meanwhile from Tippu Sahib's Governor at Calicut, mentioned in the separate letter of the Governor of 8 February 1784, makes this quite dubious, and the Ministers' precaution was therefore, in our view, very proper, to request from the Government of Ceylon as many troops as could safely be spared there, in order to be able to ward off the attacks of that Nawab if necessary, but principally also to lend all the more strength and emphasis thereby to the amicable negotiations with him; we must now await the outcome of the request which the Ministers have made to the Nawab for concluding a commercial treaty with him. and also did not fail in the attempt to make a contract with the Nawab, regarding which we refer to the separate secret letters of the first undersigned to Your High Honours of 27 September 1784, 30 April 1785, and 18 April 1786. Paragraph 392: We long for this all the more, because we can very well agree with the remark of Mr. van Angelbeek, namely that Tippu Sahib, not being the Company's friend, will then be a dangerous enemy to it. This prince persists to this day in his benevolence. Paragraph 393: Pleasant to us was the steadfast fidelity to the Company of the King of Cochin, and referring to what we recommended in his regard in the General Letter of the past year, paragraph 326, we fully approve of your instructions to support and advance the interests of that prince on all occasions on the Company's part with all gratitude and cordiality. Paragraph 394: Concerning the King of Travancore and that which the Ministers

Dutch transcription

hetzelve staat nader gezonden te worden. gelukwensching over de promoossie van de weledele Heeren von Stockum, van „ Greeve. te ontdekken en van de middelen, om dezelve te verhelpen. § 47: Doch ook dit is reets een heel omslagtig werk wa Extra toe veel overlegen assiduiteit vereischt wo weshalven wij uw Hoog edelheeden eerbiedig verzoeken, ten goeden te duiden, dat wij het zelv tot den regentijd toe uitstellen, wanneer wij trachten zullen, hetzelve zoo goed als ons doen „lijk zijn zal, te volbrengen, en in 't najaar met een der Clilonsche schepen voor te legge waarbij wij teffens zullen voldoen aan het nader vereischte bij Hoogstderzelver i „tulair besluit van den 3: dier maand, no„ „pens de vermindering van het Civile de„ partement. § 48: Uit de ons gunstig toegezondene Extrakt ex den seke verment e oen Patriasche Messive van 27:e Jann: 1786. ge¬ tien hebbende de promootsie van den Weledel Heer Von Stockum tot Raad orde „nair en van de Heeren van der Beeke„ Vermeulen, De Boek en Greeve tot Raaden Extra ordinair van Jndie, gebruiken wij de vrijheid hunne Edelen derwegen needrig te felicitteren en Godes Zegen over beant dezelven verantwijsing van de Pahuuse bitakte. dezelven en hunne wigtige Bedieningen toetewenschen. § 49: De Hooggeeerde Missives van Uw Hoog„ „edelheeden ende daar toe gehoorende Resoluntsien en bijlagen hier meede voor beantwoordt houdende, laaten wij volgen Beantwoorde Extrakten uit Patriasche Missive van den 5:e en 23:e November 1785. Extrakta Extrakt uit de missive geschreeven door de vergadering van 17:e aan den goeverneur Generaal en de Raa„ „den van Jndie te Batavia in dato 5. November 1785. §389: Bij den Generaalen Brief van den voorleeden Jaare 3322: gaaven wij ons vertrouwen te kennen dat de Heer Goeverneur van Angelbeek op de be„ „weegingen der Engelsche Zorg„ „vuldig e zelve wa voor de gen over poogingen tot het reokkupeeren van settua in een gunstig licht beschouwen Het strekt zeekerlijk tot troost en op beuring „vuldig zoú blijven letten en alle me „gelijke en gepaste middelen in het werk zou stellen, tot teegen „gang der inzigten van die Natie om ook ter kuste van de Mallabaat, haar vermoogen meer en meer uittebreiden, 't was ons derhal „ven zeer aangenaam hetzelve daadlijk te verneemen uit de nadere brieven, welken deezen Jaare door ons geleezen zijnde en wij beschouwen als gevolgen daar van de Maatregelen van gemelde Gouverneur om de Maatschappije weeder in bezit te doen neemen, Paponet „tij en Settua haar door den Nabab Hijder Alij voor heen ontweldigd. §390: Door het prijzelijk beleid v:r het Opperhoofd te kranganoor den Onderkoopman Cellarius Comp:s bezetting in die plaatzen zijnde getrokken genoegzaam, van den Eerstgeteekenden, dat de Heeren Meesters, zijne getrouwe oogmerken en onmiddelijk onmiddelijk, na dat dezelve op het overgaan der vesting Palli„ „catserij aan de Engelschen door het volk van den Nabab verlaaten waaren, is hier door naar het scheint aan die Natie de pas afgesneeden, om zich van de voorsz: plaatzen meester te maaken, Ende Engelschen ook veelligt daar door belet zullen zijn geworden, in de uitvoering van hun voorneemen, om de verdreeve vorsten; door den Nabab in de samorijnsche en kolastriesche Landen te her„ stellen. § 391: De tijdt zal echter moeten leeren, of de Ministers zig in het bezit dier plaatzen zullen kunnen handhaaven. De Brief intusschen van Gij¬ „poe Saibs Gouverneur te kalikoet, vermeld bij den aparten van den Gouver„ „neur ijk en ook niet slaoogen in het toeleg om met den Nabab een kontrakt temaaken, waar omtrend wij ons aan de aparte sekreete brieven van den Eerstgeteekenden aan uwe Hoogedelhee„t den van gen 0: den 27e Sep: 184: 30: April 1735: en 18:e April 1786: gedraagen. „neur van 8: februarij 1784: maakt dit vrij bedenkelijk, en zeer gepast is, daarom in ons Oog geweest, der mini„ „steren voorzorg, om van de Ce „lonsche Regeering zoo veel krijgsvolk te verzoeken, als men aldaar met gerustheid zoude kunnen missen ten einde des noods de aanvallen van dien Nabab te kunnen afkeeren, doch voornaamlijk ook om hier door aan de mi „zaame onderhandelingen in hem des te meerder kragt en nadruk bij te zetten. wij moeten als nu afwachten den uitslag van het aanzoek tgeen de ministers bij den Nabab hebben gedaan tot het sluiten van een Contract„ Commercie met denzelven. §392: Wij. verlangen hier naar 't meer, om dat wij zeer we kunnen Deeze vorst volhardt tot noch toe in zijne welmeenendheid: kunnen toestemmen de aan„ „merking van den Heer van Angelbeek dat naamlijk Jipoe Saib Comp:s Vriend. niet zijnde, als dan een gevaar¬ „lijk Vijand van dezelve zal weezen. §393: Aangenaam was ons de stand„ vastige getrouwheid aan de Compagnie van den koning van Cochim en ons gedraa„ „gende, aan het geen wij ten zijnen opzigten hebben aan be„ „voolen bij den Generaalen brief van den voorleeden Jaare 5326: keuren wij volkoomen goed, uw aanschrijven om de belangen van dien Vorst bij alle ge¬ „leegenheeden Comp:s weege met alle erkentenisen hart¬ „lijkheid voor te staan en te bevorderen. §394. Over den koning van Crevan„ „koor en 't geen de Ministers te e lle i we unnen

NL-HaNA_1.04.02_10319_0098 view scan ↗

English

These arrangements concern the wild southernmost sandspit, the inner side of which has been assigned to the King of Cochin. The King of Travancore, during his recent presence, promised to increase the delivery of pepper in the future. What should be observed with regard to him, we have already sufficiently explained in the general letter of the past year 5327 and following. We shall therefore merely express our expectation here that the arrangements made by the ministers with the prince regarding the right of wreck have been based on equity and the Company's interests. § 395. According to their reports, it was due to the prince's low delivery of pepper that, from mid-December 1781 to mid-December 1782, only 647556 lb had been collected, and thus 376269 lb less than the year before, when this delivery likewise differed to its detriment compared to that of the previous year. From what has since been reported by the ministers in their letters to you of 29 December 1783, it seems one may conclude that the aforesaid delivery increased again in the following year 1783. We hope that he may fulfill his promise. This remark is in itself very well-founded. In the hope that the subsequent advices will confirm the same, and adhering to what was set down in the general letter of the past year § 332, we approve meanwhile of the remark that you have presented to the ministers: namely, that if the prince of Travancore refused to fulfill his obligation on the matter of the pepper delivery, the Company could not then be required to give the full delivery of the annual gifts amounting to f 4200. And we do not doubt that the said ministers will keep that remark in view. However, it is to be feared that the King of Travancore would take the reduction of the annual gift very amiss. All the effort that has again been made this year to secure a lot has been in vain; Tippu indeed transports a large portion on his own ships and sells the rest to the Bombaras, but does not allow any of it to be sold to the Europeans. § 396. We have found the reasons that have moved him not to sell the stock of pepper amounting to 1400000 lb, but to send the same with the Ceylon ships to the Netherlands, to be very well-founded. § 397. And the ministers' efforts to secure a lot of good cardamom are likewise entirely agreeable to us; that which pertains to this article shall be dealt with further as soon as a demand for returns from the Indies is formed again. The unpleasant times, when there was a shortage of everything, are past, and we hope that henceforth we shall be provided with what is necessary, as has been done for the most part this year. § 398. Furthermore, we must acquiesce in the ministers' assurances concerning the necessity in which they found themselves to make these and other rather expensive purchases, trusting that they will have observed economy in that regard so far as it was possible for them. § 399. Regarding the sales, we saw with regret that our wish to see the prices of Japanese bar copper increase again after the end of the war still remained unfulfilled. Japanese bar copper has not yet risen in price since then. The causes to which the ministers attribute the low prices of this article—namely, the large import by the English of European copper cast into bars, and especially also the prohibition by the English government at Madras against the importation of the same into the lands ruled by it—are of such a nature that we seem unable to expect much improvement in that regard, at least for the present. We see that Governor van Angelbeek, in his secret letter to you of 8 February 1784, has proposed to proceed as soon as possible to a reduction of the selling price of this article, and this in order to prevent the native artisans from becoming too accustomed to working with European copper and preferring the same—which was now somewhat sought after in price—over the Japanese. The sale of the same must be kept going continuously here, for the reasons mentioned in the text. We would not be able to fathom this; the market here to the west is certainly very large. We judged that these reasons require very much attention, and since the ministers, in their demand for two hundred thousand pounds, have requested that, in case you could not proceed to any price reduction regarding that article, to send nothing of it then, as it would have to remain unsold, we shall await your decision on that proposal. § 400. It appears to us, however, that with regard to the proposed price reduction, it should especially be taken into consideration how, according to our humble opinion, mainly on account of the low price, large quantities could be sold.

Dutch transcription

Deeze schikkingen betreffen den woesten zuidlijksten zandhoek, waar van de bin„ aan den koning van koetsiem toegewoo„ „zen is. De koning van Crevankoor heeft bij zijn van peeper voortaan te zullen ver„ meerderen. ten zijnen opzigte zouden moe„ „ten in acht neemen, hebben wij ons reeds genoeg verklaar bij den generaalen brief van den voorleeden Jaare 5327: en volgenden: — Wij zúllen dus te deezer plaatze eenig „lijk onze verwagting te kennen geeven, dat de schik kingen, welke door de Min ters met den vorst ter be„ „sche strandregt gemaakt zijn, de billijkheid en Comp. belangen ten grondslagen zullg gehad hebben. §395. Volgens hunne berichten was het door 's vorsten geringe Leverancie van Peeper, dat er van dit Ar „tikel zeedert medio De geg cember 1781: tot Medio December 1782: maar nen hont aan de komp:, de buiten kant„paalinge van het weder zijd Jongste aanweezen beloofd de Leverantsie van den 31:e Maart 1783: en deel ingezameld zull moge gestand doen. deeze aanmerking is op zich zelve zeer„ gegrondt. ingezameld waaren 647556: zonden en dus 376269: lb: minder, dan het Jaar te vooren, wanneer dee¬ „ze leverancie met die van het voorige Jaar insgelijks ten na dee¬ „le verschilde uit het geen echter door de Ministers zeedert bij hunne Letteren aan UE: van den 29:e December 1783: is gemeld, scheint men temogen besluiten dat voorzeide leverancie in 't volgende Jaar 1783. weder is toe„ „genoomen. gen wij willen hoopen, dat hij zijne belofte Jn hoope dat de volgende adviesen, hetzelve zullen bevestigen en ons gedraagende aan het ter nederge¬ „stelde bij den generaalen brief van den voorleede Jaar § 332: keuren wij inmiddels goed, de aanmerking welke UE: de Mi„ nisters hebben voorgehouden dat naamlijk, wanneer de vorst van Grevankoor op het stuk der Peper leverancie weigerde Com mp: hten 83 an Ar 2 el doch het is te duchten dat de koning van Crevanhoor de vermindering van het Jaarlijx geschenk zeer euvel zoude opneemen. Alle moeite, die men dit Jaar weederom heeft aangewendt, om een partij te bemachti„ een groot gedeelte met eigene scheepen doch verstaat niet, dat daar van aan de Europeeschen verkocht word. weigerde, zijne verpligting te vol¬ brengen, als dan van de Comp: niet gevergd kan worden, de volle afgaave der Jaarlijksche geschenken ten bedraagen van ƒ 4200:— En wij twijffelen niet of gemelde Ministers zullen die aanmerking in het oog hoo den. § 396: zeer gegrond hebben wij gevond de reedenen welke hem hebben bevoogen, om den voorraad van Peper 1400000: —. lb: bedr „gende niet te verkoopen, ma dezelve met de Ceilonsche sch „pen naar Nederland te Zend §397: En zijn ons meede alzins van een partij goede karda mom, zullende het geen tot dit artikel behoord nader worden verhandeld, zoo dra er weeder een Eisch „gen is 't vruchtloos geweest; Sipoe vervoerd wel gevallig der Ministeren en verkoopt de rest aan de Bombaras, poogingen ter bemagtiging van De onaangenaame tijden, daar men aan„ alles gebrek leed, zijn voorbij en wij hoopen voortaan van het noodige voor„ „gaans geschied is. Het Iapansch staafkoper is zeeder noch niet in prijs gereezen. van Retouren uit Indie zal worden geformeerd. §398. Voorts moeten wij berusten in der Ministeren verzeeke„ ken teworden, gelijk dit Jaar door ringen weegens de noodzaak¬ lijkheid, waarin dezelve zich bevonden hebben tot het doen van deeze en geene, wrij duure inkoopen, vertrouwende, dat zij daar omtrent de spaar„ zaamheid voor zoo ver dezelve hun mooglijk zal zijn ge„ weest, zullen hebben in acht genoomen. § 399: Den verkoop betreffende, zaagen wij met leetweezen, dat als nog was onvervuld gebleeven onzen wensch, om na het eindigen van den Oorlog de Prijzen van het Japansch staafkoper weeder tezien toe„ neemen. De oorzaaken aan welke de Ministers de laage prijzen van che de van dit artikel toeschrijven den grooten aanbreng, naamlijk door de Engelschen van Euro„ „peesch koper in staafjes gegooten en voornaamlijk ook het verbod van de Engelsche Regeering te Madrastee„ „gen den invoer van het zelve in de door haar overheerde Landen, dezelve zijn van dien aart, dat wij daar omtrend, immers voor eerst, niet veel beeterschap scheinen te kunnen verwagten. Wij zien, dat de Heer Goever„ neur van Angelbeek bij zijnen secreeten brief van uE: den 8e: februari 1784: heeft voorgesteld, om hoe eer zoo beete overtegaan tot een vermindering van den verkoops prijs van dit Artikel en zulks tot voorkoominge dat de Jnland„ „sche werklieden zich aan de Verarbeiding De verhoop van hetzelve diend hier „tig arn den gang gehouden teworden, om de in den text vermelde reedenen. Dit zouden wij niet kunnen uitvorschen, het debiet hier om de west is zeeker heel Groot. verarbeijding van het Europeesch kooper niet te zeer gewenden. en 't zelve 't geen thans eenig„ prijs gezogt wierd booven het Japanschen stelden; wij oordeelden dat deeze reedenen zeer veel opmerking vorderen, en daar de Ministers bij hun„ nen Eisch van Twee Maal Honderd Duizend Ponden verzogt hebben, om ingeval UE: tot geene prijs verminde„ ring omtrend dat artikel konden overgaan, van hetzelve als dan niets te zenden, al¬ zoo het onverkogt zou moe„ „ten blijven, zullen wij uw besluit op dien voordragt af„ wagten. §400: Het komt ons intusschen voor„ dat ten aanzien, der voorgeslaagene prijs vermin„ dering vooral in overweeging zou behooren te koomen, hoe echter naar onze geringe gedachten maa„lijk uit hoofde van den laagen groot ding

NL-HaNA_1.04.02_10319_0104 view scan ↗

English

how great the demand is for copper throughout the whole of the Indies, and how much the English and other European nations are reckoned to bring of it annually, yet the import from Europe is also uncommonly large, this being an article on which they mostly rely. After all, if this latter occurs in a lesser quantity than the demand amounts to, as we assume to be certain, it follows from this in our opinion that the sale of Japanese bar copper on this coast at reduced prices could do very great harm to the prices that might otherwise still be obtained at the other offices where this article is sold, whilst Your Honours will have been able to obtain more light regarding this since the restoration of the Company's trade in Bengal and on the coast of Coromandel. Paragraph 401. The representation of the ministers concerning the sugar trade on this coast, and its close connection with the sale of spices, certainly deserves attention, and we would not be averse to thinking that at present it ought also to be taken into consideration whether the free navigation in the Eastern Seas granted to the English should now especially serve to make Your Honours mindful to cause the navigation of that nation to Batavia to decrease more and more, in order to give them also less inducement toward that in the Eastern Seas. To this, in our opinion, the sending to the west of the Indies of such articles to obtain which they previously sailed so heavily to Batavia will be able to help greatly, since they, then not finding the same at the capital place, will visit it less, and being able to obtain those articles in the west, would probably confine their navigation more to that part of the Indies. This time, twenty-four persons have again been sent to Batavia with the ship De Zeeuw. Paragraph 402. We shall very gladly learn your thoughts on this, as also whether Your Honours have made use of the proposal of the ministers to send over each spring with the last ship sixty or seventy good native or Moorish sailors for manning the ship that would be sent by Your Honours with sugar to this office. Paragraph 403. Still awaiting how the sale will have turned out of the goods with the two Portuguese private ships Brioso and S:t Pedro de Alkantarra, mentioned more broadly under the previous subject Paragraph 347, we refer for the rest to what was submitted to Your Honours hereinbefore in Paragraphs 153 to 155, regarding having all such documents as must be inserted in the letters going out to Your Honours arranged on a uniform footing, it being especially necessary with respect to this office that the returns of the sale be in such a form that from them it can be seen at a glance what the net and substantial profits are that the Company achieves with its trade here, and thus it can be checked with accuracy and ease whether and how far they differ for better or worse from those of other offices. There seems to be little opportunity or likelihood of this; the Governor last year encouraged two Surat merchants, who used to come here yearly with native assortments, to bring some goods of the Company's assortment, but they have not come here again since. Paragraph 404. We especially long for the report which will have to be given to Your Honours by Governor van Angelbeek to the question put to him in your separate missive of 14 October 1783, namely whether there would be opportunity at Cochin to obtain the linens and other returns whose collection previously took place in Surat, as well as by what means and at what prices, furthermore also how the trade, if the Company should happen to lose Surat, could be transferred to Cochin under the enjoyment of the advantages that Surat provided. The examination of that report will require the very utmost attentiveness, since we here too must repeat the urgent necessity, in view of the oppressive burdens under which the Company bends, not to maintain any establishments that are not strictly necessary, Your Honours having already seen from the General Letter of the past year Paragraph 343 that the aforesaid question fully corresponds with our aim. When the war with England broke out, the militia of this government was 1,274 persons strong, and it was then increased to 2,439 persons, wherewith it was hoped to be in a state of defense, the more so because the latter, but when the English captured Calicut, and although the King of Cochin had promised to assist us with a battalion of sepoys in case of siege, Paragraph 405. By that same letter Paragraph 346, we also showed that we well foresaw that the expenses of this office in the then following year

Dutch transcription

gewoonteen word. groot het debiet is, van het koper door geheel Jndie en hoe veel doch de aanbreng uit Europa is ook ongemeen groot, zijnde dit een men reekend, dat de Engel Artikel daar noch al het meest op „schen en andere Europeesche Natien, daar van Jaarlijks aanbrengen, Immers dit laa „ste in een minder quanti „teit geschiedende, dan het ver„ tier bedraagt, zoo als wij onderstellen zeeker te zijn, da volgt hier uit naar onze ge „dagten, dat den verkoop van het Japansche staafkoper ter deezer kuste tot ver laagde Prijzen zeer veel nadeel zoú kunnen doen aan die welke op de overig kantooren, alwaar dit artike gesleeten word, anders nog te bedingen zouden zijn, te wijl UE: hier omtrend zeedert de herstelling van Comp:s handel in bengaale en ter kuste van Chorman del meerder licht zullen hebben hebben kunnen erlangen. § 401: Het vertoog van de Minis„ „ters over den zuiker handel ter deezer kuste, en deszelfs naauwe betrekking met het debiet der Specerijen, verdient zeekerlijk aandacht, en zouden wij niet vreemd zijn van te denken dat teegen„ woordig hier bij meede in aanmerking behoord te koo„ „men of niet de aan de En„ „gelschen toegestaan vrije vaart in de Oostersche zeen, UE: als nu voor al zal dienen bedagt te doen zijn om de Vaart van die Natie op Batavia meer en meer te doen afneemen, ten einde dezelve ook min¬ dere aanleiding te geeven tot die in de Oostersche Zeen Hier toe zal onzes bedun¬ kers veel kunnen helpen, de verzending naar de west van llen „tig koppen met het schip De Zeeuw naar Batavia gezonden. van Indien, van zulke Arti kelen om welke te bekoo „men door hun op Batavia voorheen zoo sterk gevaar is, dewijl zij als dan dezelv ter hoofdplaatze, niet vinde „de, dezelve minder bezoe„ „ken, en die Artikelen om de west kunnende bekoomen hun vaart tot dat gedeelte van Jntie waarschijnlijk meer bepaalen zouden § 402: wij zullen uwe gedagten hier over zeer gaarne verneemen, Ditmaal zijn wederom vieren twin, als meede, of door, UE: is gebruik gemaakt van het voorstel der Ministers om telkens in het voorJaar met het laaste schip Zes„ „tig of zeeventig goede Jn„ landsche of Moorsche Mattroosen over te zenden ter bemanning van het Schip, dat door UE: met suiker naar dit kantoor gezonden zou zou worden. §403: Als nog afwagtende, hoedanig uitgevallen zal zijn de verkoop van de met de twee Portu¬ geesche Partikuliere scheepen Brioso en S:t Pedro de Alkantarra onder de voorige Materie §347: bree„ „der vermeld, gedraagen wij ons voor het overige aan het geen hier voor 3 153. a 155: uE: is voorgehouden, omtrent het doen inrichten op een egaalen voet van alle zulke stukken als welke in de brieven die aan UE: afgaan, moe„ „ten worden geinsereerd, zijnde het vooral met opzigt tot dit kontoor noodzaaklijk, dat de rendementen van den verkoop zig indien vorm bevinden, dat uit dezelve met een opslag van het oog tezien is, welke de zuivere en weezentlijke winsten zijn o apparentsie te zijn, de goeverneur heeft voorl: Jaar twee soeratsche kooplieden, die hier Iaarlijx met inlandsche sorteerin„ „gen plagten te koomen aangemoedig eenige goederen van skomp:s sorteering aantebren„ gekoomen. zijn, die de Maatschappije met haaren handel alhier behaald, en overzulks met Juistheid en gemak nagega kan worden of en in hoe verre dezelve met die van andere kantooren ten goede of ten kwaade verschillen. § 404: Wij verlangen vooral naar het bericht, 't geen door den Heer Goeverneur van Ar gelbeek aan UE: zal mo „ten worden gegeeven, op de vraa„ bij uwe aparte missive aan Hier toe schijnt weinige geleegenheid of hem op den 14:en Oktober 1783: gedaan of er naamlijk gelee„ genheid zou zijn op Cochin andere retouren, welker in zaam voor heen te souratse geschieden, mitsgaders langs welke weegen en tot wat Toen prijzen wijders ook nog ho de handel zoo de Comp: honin patta suratte eens mogt verloot tez „gen, doch zij zijn zeeder niet weeder hier te bemagtigen de Lijwaaten en naar „ en toen de oorlog met England uitborst was, de Milietsie ron dit goevernement 1274: koppen sterk, en ze word toen te in staat van defensie te zijn, temeer wijl de „en zoo dicht in de buurt toestel maakten naar Cochim zoude kunnen worden overgebragt, onder het genot van de voordeelen, die Suratte gegeeven heeft. Het onderzoek van dat bericht zal de aller uitterste op lettend¬ „heid vorderen, naar dien wij ook te deezer plaatze het haa„ „len moeten de dringende nood„ om aangezien „zaaklijkheid de drukkende Lasten onder welke de Maatschappije gebukt gaat, geen Etablisse, „menten aantehouden, welke niet volstrekt noodzaake„ lijk zijn, zullende UE: uit den Generaalen brief van den voorleeden Jaar §343: reeds gezien hebben, dat voorzeide vraag met ons oogmerk vol„ „maakt over een Hemt. § 405: Bijn dien zelfden Brief §346: voorzien, dat de Lasten van dit vermearderd tot 2439: koppen, waarmede men hoop „ lieten wij meede blijken wel te laatsteeren doch toe de Engelschen kalikuts vermeedter„ kantoor in het toen volgende honing van koetsiem beloofd had, ons met een pattaljon sipais in val van beleegering te assi„ ons Jaar ang 10 Comp:s aak

NL-HaNA_1.04.02_10319_0110 view scan ↗

English

year sooner, than to besiege us with a considerable force, to which the King of Travancore would have had to provide his troops against his will, while the King of Cochin now needed his battalion himself to protect his lands, then there was only one choice left for us, namely, out of parsimony to expose the Company's possessions to the visible danger of losing everything, or by extraordinary efforts to preserve everything, but for that preservation to sacrifice a part to the unavoidable costs thereof; we chose the latter and consequently our militia was increased to 3500 heads, and additionally 3 captains, 3 captain-lieutenants, 7 lieutenants, and 15 ensigns were newly appointed; this naturally had to increase the costs uncommonly, and to this were added the judged necessary improvements to the fortification works, which were important, and furthermore also the purchase of a multitude of field and other supplies for an impending siege, which since had to be sold at a loss. It is easy to ascertain that the expenses in that financial year had to rise uncommonly high, and in the financial year following thereupon they ran even higher, namely to ƒ704554:13:8, because the additional militia engaged in April 1782 was only charged for four months' service in the first financial year, and in the following for twelve months; however, included under these enormous expenses were also ƒ100079:3:- for the cannons and ammunition that had been brought onto the ramparts and into the covered way, and for firearms that had been issued to the new battalions, and which according to the method then customary were written off, but since then, when both were brought back into the administrations, were taken in again and credited in the books of the year 1783/1784 to the expenses of the previous year, whereby the expense account of which mention is made here was thus seemingly increased. decreased; But we could not have thought that the same would all at once have climbed from an amount of ƒ350839:10:- to an amount of ƒ613346:17:8, as the same presented themselves as of the last of August 178½. The profits and revenues in that same financial year having only increased from ƒ254148:4:8 to ƒ392464:12:8, such can do little to meet the aforesaid expenses, so that the office, in comparison with the previous financial year, has fallen behind by no less than ƒ124190:19:8. Section 406: The large and costly improvements that the Ministers had carried out on the fortress, added to the considerable increase of the garrison, are given by them as the reasons for this so noticeable increase in expenses, and we can, insofar as they were unavoidable, make no remarks on the same. It is nevertheless certain that, if no improvement were brought about in the state of this office by the restoration of peace, the same, far from yielding to the Company those advantages which it so sorely needs in order to bear the Indian expenses in the long run, would on the contrary serve as a burden to it. Section 407: We therefore expect that you, as well as the Ministers, will leave nothing unattempted to give the aforesaid statement of account a better appearance. A well-foresighted arrangement of the demands for merchandise will have to contribute very much to that so necessary end; above all, it ought to be most strongly recommended to the Ministers to be steadily attentive to the reduction of the remainders, so that no goods of any name whatsoever are kept uselessly. Section 408: And however much those remainders as of the last of August 1782 have indeed decreased by a sum of ƒ40947:14:8 in comparison with those of the previous year, the capital of ƒ974536:-:-, which the same under the first-mentioned The Secret Resolution of the 11th of April 1782 and the secret letter of the 1st of May following can still testify with what apprehension and reluctance against the heavy enormous costs, yea with what a painful sentiment of the heavy expenses that were unavoidably caused thereby, we resolved upon those preparations for defense. It is therefore comforting to us that the Lords Masters view our good intention and the necessity that extorted the same from us in their true light, and it is doubly pleasing to us that it may now be granted to us to fulfill the good expectation of their Right Worshipfuls. For the hoped-for improvement has since followed the peace, and in the now closed financial year, according to the statement of account inserted here and accompanying among the annexes, the expenses: ƒ267324:16:8 and the profits: ƒ500027:2:8 so that this office has now had a net surplus profit of ƒ232762:-:6. Thus this expectation has already been fulfilled. This we have constantly endeavored to do, but one must attribute it to the calamities of the times that the same could not be fulfilled until now. The remainders as of the last of August aforesaid amount to ƒ823063:14:8, and among them are ƒ64871:-:15 in Batavia merchandise which, on account of late arrival, could no longer be sold in the spring, and ƒ54341:15:8 in rice for Ceylon, which has since been dispatched, which two items are thus to be noted as incidental remainders.

Dutch transcription

Jaar eerder zouden zijn toe, dan ons met een aanzienlijke macht te beleegeren, waar toe de koning van Grevankoor teegen„ wille en dank zijne troepen mede zoude heb„ afgenoomen; Dan wij hadden niet ben moeten geeven, terwijl de koning van koetsiem zijn Battaljon nu zelve noodig had, om zijne landen te dekken, toen was er maar eene keuze kunnen denken dat dezelve in eens voor ons ovrig teweeten, uit menasie 's kom„ „penies bezittingen aan het zichtbaar gevaar van een bedraagen van ƒ350839:10. van alles te verliezen bloot te stellen of door buiten gewoone efforts alles te behouden, doch aan zouden geklommen zijn tot een be„ die behoudenis een gedeelte aan de daar toe onvermijdelijke kosten op te offeren, wij ver„draagen van ƒ613346: 17:8: zoo als „koosen het laaste en dienvolgende werd onze Miliessie vermeerderd tot 3500: — koppen, dezelve zich onder ultimo Augus„ en daar bij wierden nieuw aangesteld 3: ka„ pitains, 3: kapitain Luitenants, 7: Luite„cus 178½. vertoond hebben. „nants en 15: vaandrigs, dit moest natuur„ „lijker wijze de kosten ongemeen vergroo De winsten en inkomsten in dat „e, hier bij quamen de noodige geoor„ deelde vereeteringen aan de fortifikaat zelve boekjaar slegts vermeerder „sie werken, die important waaren, en voorts ook noch de inkoop van een me„ zijnde van ƒ254148: 4:8: tot ƒ392464: der nigte vel en andere behoeften voor een aanstaande beleegering die zeeder met 12: 8: kan zulx weinig „ om aan verlies moesten verkocht worden. Het is ligt nategaan, dat de lasten in dat voorzeide lasten te gemoet te Boekjaar ongemeen hoog moesten rijzen koomen, zulks het kantoor in ver en in het Boekjaar daar aan volgende geleijking van het voorige boek„ liepen ze noch hooger teweeten op ƒ704554:13: 8: wijl de in April 1782: Jaar wel ƒ124190:19:8: verach„ aangenoomene meerdere Milietsie in 't eerste boekjaar, maar voor vier maanden genot opgebragt was, en in 't „terd is. volgende voor twaalf maanden, echter„ „zijn onder deeze enorme lasten mede begreepen geweest ƒ100079:3. —. voor de kanons en ammonietsie, die op den wallen en in den bedekten weg gebragt waaren, en voor geweeren, die aan de nieuwe battaljons verstrekt waaren, en die volgens de toen gebruiklijke methor afgeschreeven wierden, doch zeeder toen het een en ander weder in de admin „straatsies, terug gebragt wierd, weder ingenoomen en bij de boeken van A=o 178 ¼4: op voorjaarige lasten ten goede gebragt zijn, waar meede de last reeke„ „ning, waar van hier gesprooken word, dus in schijn zijn vergroot geweest zuide baaten §406: De groote en kostbaare ver„ De Sekreete Resoluutsie van den 11e: April 1782: en de sekreete brief van den 1: Mai daarbeeteringen die de Ministers aan volgende kunnen nu noch getuigen met welk eene beschroomdheiden tegen „ aan de Vesting hebben „gevoelen van de zwaare morme kosten laaten doen, gevoegd bij de „zin, Ja met welk een smertlijk voor„ die aanzienlijke w 92464: der den vreede gevolgd en in het nu ge„ na geinsereerde en onder de bijlaagen overgaande staatreekening. de Lasten. . . . . . . . . . . ƒ267324. 16: 8: zoo dat dit kantoor thans. . . . ƒ 23'2762:—: 6: erzuidere overwinst gehad heeft. an deeze verwachting is dus reets voldaan. die daar door onverijdlijk veroorzaakt aanzienlijke vermeerdering, van wierden, wij tot die aanstallen tot defensie 't beslooten hebben. - Het is derhalven Garnisoen worden door hun voor ons troostlijk dat de Heeren Meesters ons goede oogmerk en de als de reedenen van dit 9:10: noodzaaklijkheid, die ons dezelven afge„ „perot heeft in hun waar „ licht beschouwen, zoo merklijk toeneemen be, en het is ons dubbeld aangenaam, dat het ons thans gebeuren mag, aan de der Lasten opgegeeven, en goede verwachting van hunne wel„ wij kunnen in zoo verre als edele Hoog achtb:) te voldoen. „op dezelve als onvermeidelijk geweest zijnde geene aanmerkingen maaken. want de gehoopte verbeetering is zee Het is niet temin zeeker slootene Boekjaar zijn volgens de hier dat, zoo door de herstelling der vreede geene verbeete„ en de winsten. . . . . . „500027: 2: 8:ring in den staat van dit kantoor teweeg gebragt wierd hetzelve, wel verre van aan de Comp: die voor„ „deelen uit te leeveren, welke zij, om de Jndische Lasten op den duur te kunnen draagen, zoo zeer behoefd, in tegendeel voor haar tot een bezwaar zou strekken. § 407: Wij verwagten derhalven dat UE: mitsgaders de Ministers niets onbezogt ens zullen der an op den aan de methor admins Ao eest reeke Ver¬ er de het aan de kalamiteiten van den toeschrijven, „dat dezelven tot dus ver niet hebben kunnen voldaan worden. schappen, die weegens den laaten aanbreng kocht worden en ƒ54341: 15:8: aan rijst voor Ceilon, die zeeder verzonden is, welke twee posten dus als toevallige„ draagen ƒ823063:14:8: en daar onder zijn restanten aantemerken zijn. zullen laaten, om voor zeide Staatreekening van een beeter aanzien te doen worden dit hebben wij steeds beieverde doch ma moet Een met een goed vooruit zigt gedaane inrichting der Eisschen van koop manschappen zal tot dat Joen De restanten onder ult=o Aug:s gl= be„ zoo noodzaaklijke einde ƒ64871:—:15: aan Bataviasche koopman„ zeer veel moeten toebrengen beho den in 't voorjaar niet meer kosten ver„ voor al behoord de minis zijn Voor „ters ten sterksten tezijn te zelven aanbevoolen om op de ver den d mindering der restanten der „ gestadig oplettende te te weezen, ten einde geene goederen hoe genaamd, nut „teloos worden aangehouden. § 408: En hoe zeer die restanten onder ultimo Aug:s 1782: wel vermindert zijn met een som van ƒ40947: 14:8. in vergelijking van die van het ge voorige Jaar, is echter het Capitaal van ƒ974536. -. –. geen dezelve onder eerstge „melden 1

NL-HaNA_1.04.02_10319_0113 view scan ↗

English

On this, three eighteen-pounders, four twelve-pounders, two six-pounders, and two three-pounders were fulfilled this year, as well as six mortars of various sorts, with a portion of the cannonballs and bombs belonging thereto, and the remainder of what was requested we hope will be fulfilled through the goodness of their Right Honorable Worships, as being urgently required for the defense of the place. There will be no lack of this. When we made this requisition, we had already received the news of an armistice; but this was the actual reason why we requested these artillery necessities (for during the war it would have been futile to demand them, since we had no warships to protect them at sea and neutral ships dared not transport them; we nevertheless needed them for a vigorous defense, and thus demanded them under the favor of peace in order to be able to make use of them in case of war). amounted to the aforementioned date, is still of such importance that it ought to undergo a further reduction as soon as possible. We saw meanwhile with pleasure that Your Honors, after the receipt of the news of peace, had left unfulfilled many demanded artillery goods that were indispensable solely in time of war on the requisition of the Ministers; while we assume that Your Honors must have been completely certain that those goods could now be spared. Section 410: On the requisition of the Ministers for brass cannon mentioned in their letter to Your Honors of 29 December 1783, we have as yet taken no resolution, but shall likely declare ourselves on this at a following opportunity, in which case we shall also do so with regard to their further requisitions. Section 411: Furthermore, we prefer not to enter into an investigation of the reasons cited by the Ministers to demonstrate that the destruction by worms of the ten thousand pieces of cowhides, collected on a Ceylon requisition, but which for lack of opportunity could not be sent thither, is not to be attributed to any carelessness, in the expectation that the Ministers will henceforth take proper care that each subordinate servant performs his duty as required. Concerning this, the first undersigned will have the honor to explain himself further in the new plan of defense which Your Honors requested by extract of the minutes of 2 October 1786, and which he hopes to deliver in the autumn. Section 412: However much we also desire that, now that peace is restored, the military force in this Government, to which the Ministers had given an extraordinary extension on account of the war, be reduced again, and we have seen with pleasure that an immediate beginning was made by them with this, we cannot, however, regard it as other than prudent that Mr. van Angelbeek did not go further with the disbanding of the native troops than to the number at which the garrison had been before the war with England, in order not to encourage Sultan Sahib to the resumption or continuation of violent acts through too great a defenselessness. And it appears to us that it will be safest to leave it to the judgment of the said Governor to regulate the strength of the garrison according to the circumstances in which the Ministers will find themselves with regard to native affairs, while for the rest we refer Your Honors to what was said heretofore in Section 305 and in the General Letter of the previous year, Sections 348, 349, and 350. Extract from a further missive written by the Assembly of the Gentlemen Seventeen to the Governor General and Council of the Indies at Batavia, dated 23 November 1785. Referring to our General Missive of the 5th of this month, containing our reply to the letters of all the offices of the Indies drafted by the Gentlemen Commissioners in The Hague, subsequently resumed in our assembly and determined on the aforementioned date, and dispatched alongside this, we further send to Your Excellencies the orders and resolutions which we have thought fit to establish and take in this assembly, to the end that Your Excellencies should act accordingly. Further serves, etc. Since similar reasons to those which prevented us in the most recent years from sending to Your Excellencies the usual requisition of return goods still apply, if not entirely then at least for a large part, no such requisition of return goods has been drawn up by us this time either. This time, despite all efforts made, no cardamom could be obtained from the Nabob's lands. As we nevertheless have judged once again that it might be of service both to Your Excellencies and to the Ministers of Ceylon, Coromandel, Surat, and in Bengal to know the quantity and sorts of piece goods that we would most desire from those offices with each ship, we send to Your Honors to that end the instruction drawn up in that regard, in the expectation that the same will be used to the greatest advantage of the Company. Furthermore, in continuation of what was written, we have approved [illegible]

Dutch transcription

Hier op zijn dit Jaar drie agttien ponders, vier twaalf ponders, twee ses ponders, twee drie ponders voldaan 4 als meede ses Mortieren in zoort, met een „gels en bommen en het verder geeischte hoopen wij dat door de goedheid van hunne weledele Hoogachtb: zal vol„ „melden datum bedraagen hebben, nog van dat aanbe lang, dat hetzelve, hoe eer zoo beeter, eene verdere ver„ „mindering behoort te onder„ gaan. soen wij deeze Eisch deeden, hadde UE9: wij zagen inmiddels met wij de stijding van een wapenstilstand reets ontvangen; dan dit was de eigentlij genoegen, dat UE: na de be„ „ke reede waarom wij deeze Artillerij behoeften eischten, (want geduurende koome tijding van de vreede den oorlog zoude het vergeefsch geweest zijn dezelven te eischen, door dien wij geen veele gevorderde en alleenlijk oorlogs scheepen hadden, om ze op zee te beschermen en neutraale scheepen de in tijdt van Oorlog onont„ zelven niet overvoeren durfden, wij had„ den dezelve echter tot een vigoureuse beerlijke Arthillerie goede„ er defensie noodigen eischten ze, dus on„ der de begunstiging van den vreede om ren op der Ministeren n daar van inval van oorlog gebruik E Eisch hadden onvoldaan gelaa„ „ten; terwijl wij onderstellen dat UE: volkoome zeeker zullen zijn geweest, dat die goe„ deren als nu konden gemist worden. te kunnen maaken. § 410: Op den Eisch der Ministe„ ren van Metaalkanon gedeelte van de daartoe gehoorende ko vermeld bij hunne lette„ ren aan UE: van den 29: „daan worden als tot de defensie van de xber: 1783: hebben wij als plaats noodzaaklijk vereischt wordende nog geen besluit genoomen maar eid de at gen is ge Hieraan zal het niet ontbreeken. maar zullen ons daar over waarschijnlijk bij een vol„ „gende geleegenheid verklaa„ ren, inwelk geval wij zulks meede zullen doen met op„ zigt tot hunne verdere Eisschen §411: Voorts zullen wij liefst niet treeden in een onderzoek van de reedenen, die door de Ministers zijn aangehaald, ten vertooge dat het door de wormen vernield raaken van de Tien Duijzend stuks koehuijden, op een Cei lonsche Eisch ingezaameld, doch welke bij gebrek aange leegenheid derwaards niet had„ „den kunnen gezonden worden niet aan eenige achtelooshei is toe teschrijven in verwach„ „ting dat de Ministers voortaan behoorlijk zullen zorgen dat door elk der onder hoorige Bedienden desselfs pligt naar vereisch betracht worde. Hier omtrend zal de Eerstgeteekende de eer hebben zich nader te verklaaren bij het nieuwe plan van defensie het welke uwe Hoogedelheeden bij ex„ geeischt hebben en hetwelk hij in het na Jaar hoopt te bezorgen; worde. § 412: Hoe zeer wij ook verlangen, dat, nu de vreede hersteld deezen Gouvernemente, aan welke de Ministers om de wille van den Oorlog, een bun„ „ten gewoone uitgebreidheid hebben gegeeven, weeder gere„ duceerd worde, en wij met genoegen hebben gezien, dat daar meede door hun daad„ „lijk een begin was gemaakt, kunnen wij echter niet anders dan als voorzichtig aanmer¬ „ken, dat de Heer van Angelbeek met het afdanken der Jnlandsche troe„ pen niet verder was gegaan dan tot het getal, waar op het garnisoen voor den Oorlog met England was geweest, ten einde Sultan Saib, door eene alte groote weer¬ loosheid tot de hervatting trakt notulen van den 2: Oktob„r 1786: is, de Militaire magt ten of g. of voortzetting van gewelde„ „narijen niet aantemoedigen. En het komt ons voor, dat veiligst zal weezen, aan het oordeel van gemelden Gouver neur overtelaaten om de sterk„ „te van het guarnisoen te ree„ gelen naar maate van de omstandigheeden waarin de Ministers met opzigt tot de Jnlandsche zaaken, zich be„ „vinden zullen, terwijl UE ons voor 't overige gedraagen aan het geen hier voor §305. en bij den Generaalen brief van den voorleede Jaare § 348: 349: en 350: gezegd is. Extraklâ Extraki uit een nadere Missive ge schreeven door de vergaderin van Heeren Zeeventienen aan den Goeverneur Genl raal ende Raaden va Jndie te Batavia in in dato 23. November 1785. Ons gedraagende aan onze Generaale Missive van den 5:e deezer, houdende ons ant¬ „woord op de Brieven van alle de Comptoiren van Jndie door Heeren Commissaris„ „sen in 'S Hage ontworpen, vervolgens in onze vergadering geresumeerd en op voormel¬ „den datum gearresteerd en nee„ „vens deeze afgaande, zoo laa„ „ten wij VE: voorts toekoomen de ordres en Resolutien die wij hebben goedgevonden, in deeze vergadering te stellen en te neemen ten einde VE: zich daar na zouden gedraa„ gen. Wijders diend &:a zoortgelijke reedenen, als die ons in de Jongste Jaaren verhinderd hebben aan VE: den gewoonen Eisch van retouren te laaten afgaan, zoo Men heeft ditmaal ongeacht alle aan„ gewende moeite geen kardamon uit Nababs zoo niet geheel ten minsten voor een groot gedeelte als nog plaats hebbende, is ook ditmaal eene zoodanige Eisch van retouren door ons niet opgemaakt. Daar wij egter nogmaals geoordeeld hebben, dat het zoo voor VE: als de Ministers van Ceilon, Chormandel, Souratte en in Bengaa „le van dienst zou kunnen zijn, teweeten de quantiteit en zoorten van Lijwaaten die wij van die kantooren de met elk Schip het order sien meest zouden verlangen, ten zenden wij tot dat einde a# UE: de deswege opgemaakt aanwijzing, in verwagting dat van dezelve ten meesten voordeele van de Compagni zal worden gebruik gemaakt Wijders hebben wij goedge„ vonden ten vervolge van het „sche geschreevene hij na de „ko

NL-HaNA_1.04.02_10319_0119 view scan ↗

English

the Bombaras or Arab merchants from several nations. The first-signed Governor has already given orders for the purchase of the shares written of in our General Letter of 5 November last, which as Councillor of the Indies he must possess. Nabob's land could be obtained, because he transports the largest part with his ships to the opposite shore, and sells the remainder to the exclusion of all Europeans, which matters were brought forward to the table of our assembly etc. It having been repeatedly considered by us to the effect that the Governor-General and Councillors of the Indies, as well as some of the high officials there, ought to be obliged to hold some share in the stock of the East India Company, it has, after mature deliberation of what ought to be taken into account in this regard by us, been approved that in the future the Lord Governor-General shall be required to have in his name four parcels of shares, each of three thousand guilders old capital. The Lord Director-General three such parcels of the same shares, the Lords Councillors of the Indies, both ordinary and extraordinary, two parcels, and the Senior Merchants, as well as the Governors, Directors, or Commanders, the latter in so far as they shall be Senior Merchants, each one parcel of such shares. That these shares must be held in freehold property without being allowed to be encumbered or pledged in any manner whatsoever, to which end there shall be delivered annually to Your Excellencies by and on behalf of the aforesaid Senior Merchants, Governors, Directors, or Commanders such declaration as is contained in the form annexed to this letter, and which declaration must also be made annually by the Governor-General, the Director-General, as well as the other members of the High Government, in order subsequently to have all of this duly recorded in your Resolutions. We have furthermore approved that this Resolution shall begin to take effect after the expiration of three years, or properly on 1 October 1788, in such a way that after that time, no one shall be appointed Governor-General, Director-General, or Councillor of the Indies, whether ordinary or extraordinary, except under this condition: that in the aforesaid acquired capacity, whether of Governor-General, Director-General, or Councillor of the Indies, he shall not be able to take his seat, nor enjoy the salary and emoluments attached to those dignities, until he has duly proven to Your Excellencies that he has in his name as many shares as have been determined hereinbefore, while also after the aforesaid date of 1 October 1788, no one shall be confirmed by us as Governor, Director, Commander (being at the same time a Senior Merchant), or Senior Merchant, until we have seen that he, in the manner aforesaid, possesses one parcel of shares. It is understood, however, as we think goes without saying, that the obligations mentioned hereinbefore do not include those who currently hold the dignities and posts mentioned hereinbefore, provided nevertheless that upon promotion they shall likewise be bound to what has been prescribed above. And we have approved that the Councillors Ordinary and Extraordinary who are chosen before 1 October 1788, and thus also those who shall be chosen this year, shall not be permitted to take their seat in that capacity, nor enjoy the salaries and emoluments attached thereto, until they have duly bound themselves to provide themselves with such parcels of shares as have been determined hereinbefore as soon as possible and at the latest before 1 July 1789; the same taking place in like manner with respect to the Governor-General and Director-General should one of these offices happen to become vacant before the first of October 1788. Furthermore, we have resolved that anyone who, on the footing stated hereinbefore, shall be obliged to possess one or more shares, must have the same in his name with that chamber for which he last sailed out, with this understanding nevertheless, that when such person, having last sailed out for one of the chambers of the Southern or Northern Quarter, shall have been able to demonstrate duly that after all efforts made no share or shares were to be obtained on that chamber at such price as was being paid for the shares of the East India Company at the same time in Amsterdam, he may in such case provide himself with one or more shares on one of the other Holland chambers. Finally

Dutch transcription

de Bombaras of Arabische koopliede ver„ „sche Naatsien. de Eerstgeteekende Goeverneur heeft reets orders gegeeven tot het aanschaffen van de Ak„ seNababsland kunnen bemachtigen, door dien geschreevene bij onze Generaa„ hij het grootst gedeelte met zijne schepen naar de overwal vervoerd, en 't ovrige aan „ en brief van den 5: Novem„ uwer naricht temelden, dat wij de hoeveelheid van de kardamom, die Jaarlijks aan ons zal kunnen gezon¬ „den worden bepaald hebben op 2000: â: 3000: Ponden, en dat daar voor uiterlijk 50: â 60: stuivers het Pond zal mogen worden besteedt Ter tafel van onze vergadering &r:a Meermaalen bij ons bedenke„ men daar heenen strekkende, dat de Gouverneur Generaal ende Raaden van Jndien, mitsgaders eenige der hooge Amptenaaren aldaar, ver„ „pligt behoorden te zijn, in de actien van de OostIndi„ „sche Comp: eenig aandeel te hebben, is na rijpe over„ koopt, met uitsluiting van alle Europee, der laastleeden alhier, ter sien die zij als Raad van Indien moet bezitlijkheeden zijnde voorgekoo¬ „ten. „weeging van het geen in deel bij ons in aanmerking beho „de te koomen goedgevonden dat in het vervolg de Heer gouverneur Generaal op zijnen naam zal moeten hebben vier Parthijen Ak tien elk van Drie Duizer guldens oud Capitaal. De Heer Direkteur Gen raal driegelijke Parthije van dezelve actien, de He# ren Raaden van Indie zoo ordinair als Extra or¬ dinair twee Parthijen, end Opperkooplieden, mitsgaders de Goeverneurs, Dirck teurs of Commandeurs de laaste voor zoo ver deze „ven Opperkooplieden zull zijn, elk een parthij v zoodanige Aktien. Dat die Actien zullen moeten worden bezeeten in vrijen eigendom zon „der „der in eeniger handen ma„ niere temogen zijn belast of verpand, ten welken einde door en van weege voormel¬ de opperkooplieden, Gouver„ neurs, Direkteurs of Commandeurs aan VE: Jaarlijx zoodanige verkla¬ ringe zal moeten worden bezorgd, als begreepen staat in het formulier 't geen neevens deezen brief gevoegd is, en welke verklaarin¬ ge door den Gouverneur Generaal, den Directeur Generaal, mitsgaders de verdere Leeden der Hoge tafel Jaarlijx meede ge„ „daan zal moeten worden om vervolgens van het een en ander in Uwe Beso¬ lutien behoorlijk te doen blijken. wij hebben voorts goedge„ „vonden, dat deeze Resolutie zal zal beginnen te werken na ver loop van drie Jaaren, of ei¬ „gentlijk met den 1: oktober 1788 invoegen, dat na dien tijdt, nie mand tot Gouverneur Gene„ „raal, Directeur Generaal of Raad van Jndie het zij ordi„ nair of Extra ordinair zal worden aangesteld dan onder deeze voorwaarde, dat hij in de voorzeide verkraege hoe danigheid 't zij van Gouver „neur Generaal, Directeur Generaal, of Raad van Indi geene zittinge zal kunnen neemen, nog ook het sra# „tement ende Emolumenten tot die waardigheeden staan genieten, dan na dat dezelve aan VE: behoorlijk zal hebben doen blijken, van op zijn naam zoo veel actien te hebben als hier voor be„ paald zijn, terwijl ook na„ de voorsz: tijdt van 1:e okto bet „ber 1788:, niemand als Gouver„ „neur, Directeur, Comman„ deur, /: teffens opperkoopman zijnde :/ of opperkoopman door ons zal worden bevestigd, dan na dat wij zullen hebben gezien dat dezelve invoege als voorzeid, eene Parthij Aktien bezit. Het spreekt ondertusschen zoo wij meenen, van zelfs, dat onder de hier voorge„ „melde verpligtingen niet begreepen zijn, die geenen, welke teegenwoordig de hier voorgemelde waordigheeden en Posten bekleeden zoo nog„ thans dat bij opklimming dezelve meede tot het geen voorschreeven is, zullen ge„ houden zijn, En hebben wij goedgevonden dat de Raaden Ordinair en Extra ordinair die voor den 1:e Oktober 1788: en dus dus ook die geenen welken de ze Jaare zullen worden ver koozen in die hoedanigheid niet zullen moogen zittin ge neemen, nog ook de daar toe staande tractementen en Emolumenten genieten dan na dat zij behoorlijk zich verbonden zullen heb¬ „ben om zoo dra mooglijk en uiterlijk voor den 1:e: Ju¬ „lij 1789. zig van zoodanige Parthijen Aktien, als hier voor bepaald zijn te voor zien: zullende hetzelve ingelijker voege plaats hebben met opzicht tot den gouverneur Generaal en Di„ recteur Generaal indien voor den Eersten Oktober 1788: een van deeze, ampten mogt openvallen. Voorts hebben wij begreepen dat een ieder die op den voet als hier voor gezegd is, ver¬ „pligt „pligt zal zijn een of meerder actie te bezitten, dezelve op zijn naam zal moeten hebben bij die kamer voor welke hij 't laatst is uitgevaaren met dien verstande nogthans, dat wanneer zoodanig iemand. 't laatste voor eene der ka„ meren van het zuider of Noor¬ der quartier zijnde uitge„ „vaaren, behoorlijk zal heb„ „ben kunnen aantoonen, dat er na alle aangewende moeijte geene Aktie of Aktien op die Kamer te bekoomen zijn geweest tot zodanige Prijze als maar voor de Aktien der Oostjnd: Comp: ter zelfder tijdt te Amsterdam verkogt wor¬ „den, dezelve in zoodanig ge„ val van een of meer Ak¬ „tien op eene der andere Hol„ landsche kameren zich zal kunnen voorzien. Eindelijk

NL-HaNA_1.04.02_10319_0126 view scan ↗

English

Finally, it having also been taken into consideration by us how it might happen that in the Indies, among the offices to which the rank of senior merchant applies, this or that one might be found regarding which Your Honours deemed that the obligation to possess a share would be too burdensome for those who would be appointed to such posts, we have wished to allow Your Honours the freedom, in such a case, to specify to us the offices with respect to which Your Honours would consider that some exception ought to take place, in which case the reasons upon which your view is grounded must also be indicated to us most clearly. However, since the income of the second-in-command and Head Administrator here is very limited, it would certainly be far too burdensome for this servant, who is a senior merchant, and at times even beyond his means, to purchase such a share. We therefore take the liberty of respectfully requesting Your Honours to present this to the Noble, Right Honourable Lords Masters, to the end that the said servant may be excused therefrom. The ship Middelwijk. The ship Sparenrijk has left for Surat. Left some sick personnel here. And received healthy men in their place. A sailmaker and a drummer were also lent to the same. Repairs made to the sailing and rowing vessels. Expenses on the narrow-ship. Condition of the same. Good. Its departure for Ceylon. Has returned, and will be sent again. Section 50: We begin our annual description with the main section of Ships and Vessels. Section 51: Everything concerning the ship Middelwijk has already been dealt with in our accompanying letters dispatched therewith on the 25th of February of last year, for which reason we only report regarding it that the same departed from here for Ceylon the following day and was immediately lost from sight. Section 52: The ship Sparenrijk, mentioned in the beginning of this document, continued its journey to Surat on the 31st of January of last year, after it had been properly caulked at the request of Captain Aams. Section 53: Four Europeans from the same remained behind here sick on shore, namely: Sijbrand Bleus, gunner's mate Menne Alberts, sailor Dirk van Meurs, sailor Willem Henrik Christoffel, sailor and five Malay sailors, named: Anke Trona Kames Rasso Sejaen Jonko. Section 54: In their place, four European sailors were posted on it in return, named: Jan Franciscus Zeedijk Barend Wilke Jan Lourens Wihander and Henrik Heene. Section 55: Also, at the request of the said Captain, the sailmaker Lourens Hansen and the drummer Domingo Riveiro were lent to it, in order to perform service on it during the journey to Surat, and to be returned here again upon their return. Section 56: Upon a report from the commissioners regarding the condition of the Company's sailing and rowing vessels, inserted in our resolution of the 16th of August 1786, we have decided to have all the defects found on them repaired, which according to the specification transmitted among the annexes have amounted together to 2840 guilders, 14 stuivers, 8 penningen. Section 57: Pursuant to what was noted in our description of last year on the 18th of April, sections 65 and 66, our narrow-ship De Verwachting was repaired of all the serious defects mentioned in the resolution of the 4th of February 1786, which together have amounted to a sum of 7112 guilders, 14 stuivers, 8 penningen, or 5927 rupees, 1/6, as is shown in detail in the above-mentioned specification of the expenses for the repair of the vessels. Thus, 927 rupees, 6½ stuivers more were spent on it than we estimated in our aforesaid description, which was mainly caused by the fact that upon stripping it down more serious defects were discovered than could have been detected during the inspection, especially at and near the bow where the futtocks and planks were rotten, which consequently all had to be renewed and for which much heavy timber was used. Section 58: However, in the rebuilding it has also turned out so well that it may be considered little short of new, for which reason we respectfully request that these additional costs be favourably indulged. Section 59: We sent this vessel to Colombo on the 12th of October 1786 to convey our papers for the Netherlands for the first dispatch, and further of wheat and some surplus provisions, which came in very useful in Ceylon for supplying the ships. Section 60: Since then, the same has been used in that Government for several trips and recently, or on the 26th of February of last year, returned from there; and since we do not need the same in the bad monsoon, and Ceylon on the other hand is in need of sloops and can thus make very useful use of it, we shall send the same back to Colombo with a cargo of rice at the end of the good monsoon. Section 61: For the service of this vessel we have

Dutch transcription

Eindelijk nog bij ons in over„ Doch wijl het inkoomen van den sekande en Hoofdadministrateur hier zeer bepaald is, zoo zoude het voor deezen, Bediende, die opperkoop„ weeging genoomen zijnde, hoe „man is, zeeker al te bezwaarende zijn, en zomwijlen zelfs boven zijn vermoogen gaan het zou kunnen gebeuren, dat zulk eene Aksie intekoopen; wij bevrij„ moedigen ons derhalven uwe Hoog„ er in Jndie onder de bedie„ „edelheeden eerbiedig te verzoeken, dit aan de Edele HHoog-Achtbaa„ ningen waar toe de quali„ re Heeren Meesters te vertoo„ nen, ten einde die Bediende daar „ teit van opperkoopman van geëxkuseerd worden. staat, deeze of geene gevon den wierden, omtrend, dewel„ „ke VE: oordeelden dat de verpligting om een Aktie temoeten bezitten, al te be„ zwaarende zoude zijn, voor hun, welke tot dergelijke Posten zouden worden aan¬ het schp ratse. „gesteld: zoo hebben wij VE: vrijheid willen laaten, om in zoodanig geval ons de bedie„ „ningen op tegeeven, ten opzig„ „te van dewelke VE: zouden neemen, dat eenige uitzonde heeft „ring behoorde plaats te heb„ „ben, zullende als dan teffens de reedenen waar op uw be„ „grip is gegrond, aan ons ten duidelijksten moeten worden aangeweezen. 't schip Middelwijk het schip sparenrijk is naar soe„ ratte. heeft eenige zieken hier gelaaten. aangeweezen. §50: Wij beginnen onze Jaarlijxe beschrijving met het hoofddeel van Schepen en Vaartuigen. § 51: Al wat het schip Middelwijk be„ „treft is reets bij onze daar mede afgevaardig„ „de geleide letteren van den 25: februari j:o lee„ „den verhandeld, weshalven wij dien aan„ „gaande alleen melden, dat hetzelve sdaags daar aan van hier naar Ceilon vertrok„ „ken en ten eersten uit het gezicht geraakt is. §52: Het in den aanvange deezes gemelde schip Sparenrijk heeft zijne reize naar soeratte den 31: Januari J:o leeden voortge„ „zet na dat hetzelve op 't verzoek van kapitain Aamsbehoorlijk gekal„ „faat was. §53. van hetzelve zijn hier ziek aan de wal verbleeven vier Europeezen; als: Sijbrand Bleus. konstabelsmaat Menne Alberts . . Mattroos _o Dirk van Meurs_o Willem Henrik Christoffel. . do. en ze en gezonden in plaats gekraegen. ook zijn aan het zelve geleend en Zeilmaaker en een tamboer. gedaane reparaatsie aan de zeil d„s roivaartuijg. en vijf Malaitsche Mattroozen, met naa„ men Anke Trona kames Rasso Sejaen Jonko. §54: daar en teegen zijn daar op weder geplaatst Vier Europeesche Mattroozen met naa men, Jan Franciscus Zeedijk Barend Wilke Jan Lourens Wihander en Henrik Heene. §55: Ook zijn op verzoek van gem: kapi „tain daar aan geleend de Zeilmaaker Lourens Hansen en den tamboer Domingo Riveiro, om geduuren de reize naar Soeratte, daar op dienst te doen, en bij terug komst weder hier afgegee „ven teworden. § 56: Op een bericht van gekommitteerden no „pens de gesteldheid van 's komp:s zeil„ roeivaartuigen, geinsereerd bij onze resoluutsie van den 16:e Augustus 1786. let vero vero hebben het veronboote an't smalschip hebben wij beslooten alle de daar aan gevondene gebreeken telaaten verhelpen, die volgens de specifikaatsie onder de bijlaagen over„ gaande te zaamen bedraagen hebben ƒ 2840:14:8. §57: Ingevolge het genoteerde bij onze voor„ „jaarige beschrijving van den 18:e April 565. en 66: is ons smalschip de ver„ „wachting van alle de bij resoluutsie van den 4:e februari 1786: vermelde zwaa„ „re gebreeken gerepareerd die tezaamen beloopen hebben een somma van ƒ 7112: 14:8: ofte Ropijen 5927: 1/b: zoo als omstandig aangetoond is bij de bovengemelde specifikaatsie van het veronkoste tot de reparaatsie der Vaartuigen, dus daar aan 927: ropijen 6½: stuivers meerder veronkost zijn, dan wij bij voormelde onze beschrijving gegist hebben het welk voornaamlijk veroorzaakt is, door dien bij 't affloopen meer zwaare gebreeken ontdekt zijn, dan men bij de visitaatsie had kunnen ontwaaren, vooral aan en bij de boeg daar oplangers en planken verrot waaren, die dus alle hebben moeten vernieuwd worden en waar veel zwaar hout aa„ tot staat van hetzelve goede zijn vertrek naar Ceilon is berug gekoomen, en zal weder gezonden worden. hout toe verbruikt is. §58: Doch hetzelve is bij de vertimmering ook zoo wel uitgevallen, dat het voor wei„ „nig minder dan nieuw te achten is, wes„ „halven wij eerbiedig verzoeken, deeze meer „dere kosten gunstig tewillen inschikken. §59. Wij hebben dit vaartuig den 12:e Oktober 1786: naar Kolombo gezonden ter over„m vverte „breng van onze papieren voor Nederland voor de eerste bezending en voorts van tarwe en eenige overtollige provisien, de te Ceilon tot de verstrekking aan de schepen zeer te pas gekoomen zijn. 560: zeder is hetzelve in dat Goevernement tot verscheidene tochten gebruikt en on„ „langs of den 26: febr: Jl: van daar teru„ gekoomen en vermits wij hetzelve in quaade mousson niet noodig hebben en Ceilon daar en tegen om sloepen verle „gen is, en dus daarvan een zeer nuttig gebruik maaken kan: zoo zullen wij hetzelve op 't einde van de goede mou „son met een lading rijst weder naar kolombo zenten. 361: Jen dienste van dit vaartuig hebben deszelfs wij

NL-HaNA_1.04.02_10319_0131 view scan ↗

English

Arrival of the bark De Liefde to transport some goods to Ceylon. Its departure back. Purchase of goods. For its use we purchased a boat for one hundred and twenty rupees, according to the resolution of 7 October 1786. § 62: The bark De Liefde arrived from Colombo on 18 February last, to collect as much of the goods demanded for the Government of Ceylon as could be loaded into it, and since it is provided with a cargo port and can take in cargo within the river, we loaded into it the heavy beams, and further a portion of the gun-carriage cheeks and planks along with various other necessities that were demanded for that Government, wherewith the same is dispatched today to Colombo; this description of ours also going over with that vessel, to be delivered to the ship Middelwijk. Purchases § 63: Upon the demands of Batavia and Ceylon, the following goods were purchased here and sent thither for we have it of necessities and of scrap iron For Batavia 6250 lb wax candles 225 candils coir 20,000 lb sulfur earth And some medicines. For Ceylon 3200 lb wax candles 1800 lb raw wax 500 lb sandalwood 34 lasts and 1063 lb wheat 777 lasts and 1081 lb rice 16 lasts and 1976 lb katjang 120 cheeks for gun carriages 180 transoms for the same 37 beams. § 64. The purchase of necessities in the recently passed financial year is shown in detail in the note now going over. § 65. Since no other scrap iron remained in the warehouse that could be used for the daily blacksmith work without great loss, we have, according to the resolution of 30 October 1786, fourteen Price current Favorable presentation of trade purchased fourteen thousand and five hundred pounds of suitable sort from private parties at thirteen rupees per one hundred pounds. § 66: The price current according to which the purchase of necessities is done in this current financial year is inserted with our resolution of 29 November 1786. § 67: The sale of merchandise in this financial year has been reasonably profitable, having yielded a profit of ƒ 443715:18:8, as appears from the rough return annexed hereto, which we insert. Return Return of such merchandise as has been sold and turned over here since 1 September 1785 until this date on this coast, with an indication of its purchase and sale prices, together with the advances obtained thereon; Namely: Fine Spices 1192¾ lb mace: purchase price per 100 lb ƒ 51.5.1, whole purchase price ƒ 611.6.-, sale price per 100 lb quantity ƒ 840.-.-, whole sale price ƒ 1009.2.-, profit in money ƒ 9407.15.8, profit percent 1539.-.- schellings 54164¾ lb cloves: purchase price per 100 lb ƒ 35.-.-, whole purchase price ƒ 18958.15.-, sale price per 100 lb ƒ 420.-.-, whole sale price ƒ 227491.19.-, profit in money ƒ 208533.4.-, profit percent 1099 1/16 schellings 4720 lb 16 oz nutmegs: purchase price per 100 lb ƒ 17.11.-, whole purchase price ƒ 828.7.-, sale price per 100 lb ƒ 480.-.-, whole sale price ƒ 22656.18.-, profit in money ƒ 21828.11.-, profit percent 2635 ¼ schellings Total: whole purchase price ƒ 20398.8.8, whole sale price ƒ 260167.19.-, profit in money ƒ 239769.10.8, profit percent 117 3/6 schellings Indian merchandise 164176¾ lb powdered sugar: purchase price per 100 lb ƒ 7.6.2½, whole purchase price ƒ 11970.12.8, sale price per 100 lb ƒ 14.13.3, whole sale price ƒ 40659.1.8, profit in money ƒ 120689.-.-, profit percent 100 13/16 real 53429½ lb sugar candy: purchase price per 100 lb ƒ 13.19.5, whole purchase price ƒ 7462.3.-, sale price per 100 lb ƒ 24.-.-, whole sale price ƒ 12823.1.8, profit in money ƒ 5360.18.8, profit percent 71 1/16 schellings 173711 lb Japanese copper: purchase price per 100 lb ƒ 30.12.10, whole purchase price ƒ 53209.10.8, sale price per 100 lb ƒ 67.4.-, whole sale price ƒ 116733.16.-, profit in money ƒ 63524.5.8, profit percent 114 1/16 schellings 50111 1/8 lb Banka tin: purchase price per 100 lb ƒ 24.19.13, whole purchase price ƒ 12522.19.8, sale price per 100 lb ƒ 48.-.-, whole sale price ƒ 24053.14.-, profit in money ƒ 11530.14.8, profit percent 92 15/16 real 7926 lb Malabar pepper: purchase price per 100 lb ƒ 17.5.6½, whole purchase price ƒ 1368.18.-, sale price per 100 lb ƒ 32.8.-, whole sale price ƒ 2568.-.8, profit in money ƒ 1199.2.8, profit percent 87 1/16 schellings 478 lb refuse of indigo: purchase price per 100 lb ƒ 14.17.-, whole purchase price ƒ 90.-.-, sale price per 100 lb ƒ 430.4.-, whole sale price ƒ 415.7.-, profit in money ƒ 2797.-.-, profit percent 72 1/16 real Beverages: whole purchase price ƒ 246.18.-, whole sale price ƒ 426.3.8, profit in money ƒ 179.5.8, profit percent 72 1/16 schellings Goods outside trade: whole purchase price ƒ 144.9.8, whole sale price ƒ 247.2.8, profit in money ƒ 102.13.-, profit percent 71 1/16 schellings Diverse paints: whole purchase price ƒ 41.14.-, whole sale price ƒ 65.17.-, profit in money ƒ 24.3.-, profit percent 57 1/16 schellings Gunpowder and ammunition goods: whole purchase price ƒ 49.4.-, whole sale price ƒ 147.12.-, profit in money ƒ 98.8.-, profit percent 200.-.- schellings Diverse Cape fruits: whole purchase price ƒ 10.5.-, whole sale price ƒ 15.7.8, profit in money ƒ 5.2.8, profit percent 50.-.- schellings Diverse Cape provisions: whole purchase price ƒ 211.4.-, whole sale price ƒ 306.4.8, profit in money ƒ 95.-.8, profit percent 45.-.- schellings Weapon goods: whole purchase price ƒ 60.2.8, whole sale price ƒ 105.6.-, profit in money ƒ 45.2.8, profit percent 75.-.- schellings 70125 lb rice: whole purchase price ƒ 3.-.-, whole purchase price ƒ 2103.15.-, profit in money ƒ 3216.-.-, profit percent 3.19.5, whole sale price ƒ 2781.-.-, profit in money ƒ 677.5.-, profit percent 32 1/16 schellings Total: whole purchase price ƒ 197416.13.8, whole sale price ƒ 401363.1.8, profit in money ƒ 203946.8.-, profit percent 103 1/16 schellings The fine spices as above with: whole purchase price ƒ 20398.8.8, whole sale price ƒ 260167.19.-, profit in money ƒ 239769.10.8, profit percent 117 1/16 schellings Sum: whole purchase price ƒ 217815.2.-, whole sale price ƒ 661531.-.8, profit in money ƒ 443715.18.8, profit percent 203¾ schellings Added hereto is purchase and sale as well as the profit on the spices Cochin, the last of June 1786.

Dutch transcription

komste van de Bark de Liefde om eenige goederen naar Cailon overtebrengen. deszelvfs terug vertrek. inkoop van Goederen. tot zij gebruik ise chut gehoeht wij een Schuit ingekocht voor eenhon¬ „derd en twintig ropijen, volgens reso„ „luutsie van den 7:de Oktober 1786. § 62: De bark de Liefde is den 18:e Febr: Jongstleeden van kolombo gekoomen, om de voor het Ceilonsche Goevernement geeischte Goederen zoo veel aftehaalen als daar in kunnen gelaaden worden, en wijl dezelve van een lastpoort voorzien is, en binnen de rivier laading in neemen kan, zoo hebben wij daarin de zwaare balken, en voorts een gedeelte van de affuit-zwalpen en planken ne„ „vens verscheidene andere Behoeften gelaaden, die voor dat Goevernement geeischt zijn, waarmede dezelve op heeden naar kolombo word afgevaar„ „digd: gaande deeze onze Beschrijving met dat kieltje ook over, om aan het schip Middelwijk afgegeeven teworden. Inkoop §63: op de eischen van Batavia en Ceilon zijn hier ingekocht en derwaards ge„ zonden de volgende goederen voor hebben wij he van benoodigtheeden en van lanpijzer Voor Batavia 6250: lb: waxkaarsen 225: kandijlen kaier 20'000: lb: Zwavelaarde En eenige medikamenten. Voor Ceilon 3200: lb: waxkaarsen 1800: „ ruw wax Sandelhout 500: „ 34: last en 1063. lb: sarwe 777: „ „ 1081: „ Rijst „ 1976. „ katjang 16: „ 120: zwalpen voor Affuiten 180: kalven „ _=o 37. balken. 364. De inkoop van benoodigdheeden in het Jongst gepasseerde boekjaar, word omstandig aangetoond bij de thans o gaande notietsie. 565. Wijl in het pakhuis geen ander a lomp ijzer per restant was, het wel zonder groote schaade tot het dagel Smitswerk niet kost worden ge bruikt: zoo hebben wij volgens be sluit van den 30: Oktober 1786: vo „tien paijs koerant voordeelige vertooning van den handel „tien duizend en vijfhonderd pon„ „den gadelijker zoort tegen dertien ro„ „pijen de eenhonderd ponden partiku„ „liere ingekocht. §66: De paijs koerant waar na de inkoop van benoodigdheeden in dit loopend boekjaar gedaan word, is geinsereerd bij onze resoluutsie van den 29: Novem„ „ber 1786:— §67: De verkoop van koopmanschappen js in dit boekjaar reedelijk voordeelig geweest als hebbende een winst opgeworpen van ƒ 443715:18: 8: zoo als blijkt bij het deezen bijgevoegd ruw rendement het welk wij inseree ken. Rendement Rendement van zodanige koopmanschappen en wesmeen en omgezet zijn, met aanwijzinge van dies in- en -verkoops prij zuiten Sijne Specerijen - . . . . . . . . - -- 1192¾. lb: . . . foelij of Macis - - - 54164¾4. . . „. . . . Garioffel Nagulen - - - - - - - - - - - -- 4720: 16. - . „ - . - . Nooten Musschaaten - - - - - Indiasche koopmanschappen 164176: ¾. lb: . suijker Poeder - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 53429½: - . „. . „. suiker kandij - - - - - - - - - - - - - - - 173711: - . . . „ . kopere Japans - - - - - - - - - - - - - - - - -- 50111 1/8. - - „. . Chin Bankas - - - - - - - - - - - - - - - 7926. —. —. „ . . . Peper Mallabaars - - - - - - - - - - - - - - -- 478. -. - . „. . . . Uitschot van Jndigo - - - - - - - - - - - - - - Dranken. - Goederen buiten den Handel - - - - - - - - - - - -- Verwen Diverse - - - - - - - - - - - - - - - Buskruit en Ammonitie Goederen - - - - - - - - Diverse Caabse Vrugten - - - - - - - - - - - - - - Diverse Caabse Provisien - - - - - - - - - wapen goederen- - - - - - - - - - - - - - - - 70125. —. - . . „. . . Rijst - - _ _ _ _ _ _ _ _ _ - - - - - - - - - - _ -–-- -- - - - - - - --- Hier bij gevoegt en inkoopen verkoop zoo meede de winst op de Tijndeen Cochim den Laatsten Iu - .. . . . . 117. 3/6 sch:s men her zederd p=mo September A:o 1785. tot dato dezes, ter dezer kuste verkogt Brij zuitem de daar op behaalde Advancen; Namelijk: winst p:r C=tos de heele verkoops Jnkoops in gelden de 100: lb: quantitit. de 10 tb geandschit . . . - ƒ 51. 5. 1. ƒ 611. 6. . ƒ 840. — . ƒ 1009. 2. — ƒ 9407. 15. 8. 1539. —. sch:s . . . . . . . . „ 35. —. —. „ 18958: 15. - „ 420. —. —„ 27491. 19. „ 208533. 4. — 1099. 1/16. „ „ 17: 11. –„ 828. 7. – „ 480. –. – „ 22656. 18. – „ 21828. 11. –„ 2635. ¼. „ Teld. - - ƒ 20398. 8. 8. - . . . . . ƒ260167. 19 — ƒ239769. 10. 8. 100: /16 r=m - - - - ƒ 7: 6:2½ ƒ1970. 12. 8. ƒ 14. 13. 3. ƒ 40659. 1. 8. ƒ120689. -. –. 71 1/16 sch:s 24. –. – „ 12823. 1. 8. „ 5360. 18. 8. -. - - - - - - - - „ 13. 19. 5. „ 7462: 3. -„ . - . . . . . . . . „ 30: 12. 10 „ 53209. 10. 8. „ 114. 1/16. „ 67: 4. —. „ 116733. 16. – „ 63524. 5. 8. 92 15/16. r=m 48. –. – „ 24053. 14. -„ 11530. 14. 8. 32 16. „ 3. 19. 5. „ 2781. –. – „ 677. 5. -. 87: 1/16 - „ . . . . . . . . . . . . . „ 17. 5. 6½ „ 1368. 18. - „ 32: 8. — „ 2568. –. 8„ 1199. 2. 8. 415. 7. —. 2797. –. sch:s - - - - - - - - . - - - - . . „ 14. 17. - „ 90. –. – „ 430. 4. -„ 72. 1/16. r=m 179. 5. 8. - . - - -. . . . . . . . . . . . . „ 246. 18. - „ - - - . . . „ 426. 3. 8. „ 7 1/16 seh=s 102: 13. —. 57. 1/16. „ 24. 3. — - - - - - - - - - - - - - - „ 49. 4. - . . . . . . „ 147:12. –„ 200. —. —. 98. 8. — -. - - - - - - - - - - - - - „ 10. 5. -. . -. . . „ 15. 7. 8. „ 5. 2: 8. 50. –. —. . - - - - - - - - - - -. - „ 211: 4. –. . . . „ 306:4. 8. „ 95. –. 8. 45. –. „ 75. —. —. 45. 2. 8. 103 1/16. sch:s Teld- - - - ƒ 197416:13: 8. - - - - - - - ƒ 401363. 1. 8. ƒ 203946. 8. –. 117 1/16. „ de zijndecrije als boven met . . . . „ 20398. 8. 8. - - - - . -. „ 260167. 19. „ 239769. 10. 8. 203¾. sch:s Somma - - - - ƒ217815:2. - - - - - - - ƒ61531. - 8 ƒ 43715. 18. 8. n Justus 1786: - - - - - - - - „ 24. 19. 13. „ 12522. 19. 8. „ . . . . . . . . . . . . . . „ 3. —. –. „ 2103. 15. —„ - - - - - - - - - - - - - - - - „ 144. 9. 8. „ - - - - . - „ 247. 2. 8. „ - - - - - - - - - - - - - - - - „ 41. 14. - „ . . . . . . . - „ 65. 17. -„ - - - - - - - - - - - - - - - „ 60: 2. 8. . . . . . . „ 105. 6. -„ Hadden -

next →