VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 10401

Malabar · 322 pages · 53 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_10401_0237 view scan ↗

English

The 15th of July in the city of Cochim sent thereof; as may be seen in more detail from the Draft. Draft ola written by the Right Honourable Gentleman Commander Adriaan Moens to the King of Cochim, the 15th of July 1772: I received Your Highness's last letter yesterday, and whereas it has appeared to us from it that the present servants of the Canarese pagoda neglect the interests and finances of that temple, and that Your Highness requests my permission to appoint others in their place, I do not wish to hinder Your Highness in this, trusting that Your Highness will select competent and honest people for this purpose and send me the list thereof; God preserve etc. /undersigned:/ Translated by me into Malabar, Cochim, date as above. Anno 1772. /was signed:/ S: v: Jongeren, sworn French clerk. Ditto 16th ditto, Thursday in the morning around 10 o'clock, the King of Cochim arrived without the usual ceremonial at the Company's outer garden to pay an amicable visit to His Right Honourable; present being the Honourable Second in Command van de Graaff and the Secretary of Police Schutz; on which occasion nothing particular was transacted, except only that His Highness informed His Right Honourable that he intended to go to Tripontarre the following day to take certain annual medicines, and for that purpose came to His Right Honourable to take his leave, for which polite declaration His Right Honourable thanked His Highness cordially, wishing His Highness a safe journey and a fortunate effect from his intended cure; subsequently some indifferent conversation was held, The 15th of July in the city of Cochim which Anno 1772. The 16th of July in the city of Cochim Anno 1772. which was fitting according to the circumstance of time; after which His Highness departed again for his court with his palanquin. Ditto 21st ditto, Tuesday, there was delivered here an ola from Prince Cartamana addressed to His Right Honourable, containing a detailed account of the spiritual rights of the village of Canecolom, as appears below: Translation of an ola written by Prince Cartamana to the Right Honourable Gentleman Commander Adriaan Moens, received the 21st of July 1772: In the village of Caneancolom there were previously four spiritual regents, of whom two belonged under the Prince of Charkera and two under Aijroen; three of them have died, and the fourth, who fell under Charkera and was named Panapallij Caijmael, having departed this life, The 21st of July in the city of Cochim Charkare gave this office to Bakij Caijmael, and that of Welliel Caijmael has passed to the King of Cranganoor, and the office of Maddatil Caijmael our ancestors gave by adoption to Cotta Pallil Menon under the granting of an adoption deed, on which foundation they have administered that office for so many years; and those who were mentioned in the adoption deed having died, we had those landed properties seized under the condition that the descendants who might be inclined to continue with that administration had to appear before us to have the adoption deed renewed; they came to us and promised that they would look up the old adoption deed and bring it to us, provided that we in the meantime would have the seizures withdrawn; on that promise we had the seizures withdrawn, but seeing that they did not keep their word, we had them fetched by force, whereupon they declared that they had no adoption deed and that such a deed had never before been executed, and consequently they were not obliged to produce any adoption deed; upon this unfair answer we seized some landed properties of the same, whereupon the recently departed Resident of Paponettij sent people to us and let us know that he would settle the matter according to equity, provided that the seized landed properties should be placed under sequestration, as we have done in expectation that the Resident would settle the matter according to equity; but the present Resident has now let us know that we had no right The 21st of July in the city of Cochim right to seize those lands, and that we would do well to surrender them again to Madatil Caijmaal; we replied thereto that it would be too burdensome for us to do so, since those lands had been given to that Caijmael by our ancestors by way of adoption, and that if they could verify it otherwise with an oath, we would desist from our pretension; thereupon it was found good to submit this case to the decision of four legal scholars, Namboeris; the Namboeris gave judgment that what the King affirmed was the truth and persisted therein; if our subjects wish to hide and conceal the deeds and proofs that they receive, it will be very difficult for us to proceed against this; the recently replaced Resident had the nelly measured out to us and Anno 1772.

Dutch transcription

213 Den 15: Julij jn de stad Cochim daer van toezond; gelijk bij het Concept nader te zijn is. Concept ola door den wel Edele Agtb: Heer Commandeur Adriaan Moens; Aan den koning van Cochim gesz den 15: Julij 1772: Ik hebbe uhoogh=t laetse brief gisteren ontvangen en dewijl wij daar uijt gebleeken is, dat de tegenwoordige bediendens van de Canarijnse pagood, de belangens en finantie van dien tempel verwaarloo„ „sen en dat uhoogh=t mij permissie ver„ soekt om hunne plaats andere aan„ stellen zoo wil ik uhoogh=t daer in met hinderlijk zijn, in vertrouwen dat uhoogh=t bequaame en eerlijke lieden daer toe zal uijtzoeken; en mij de lijst daer van toesenden; god bewaare etc: /onderstond:/ zodanige door mij in het Mallabaars overgezet Cochim dato als boven was Ao 1772: /was get:/ S: v: Jongeren geswoore frans C=t D=o 16: a=o Donderdag des 'smorgens omtrend 10: uuren is den koning van Cochim sonder het gewoone Ceremoniel in des 's Comp: buijten thuijn gekomen; om een minne „lijke visite aan zijn wel Edele Agtb: tegeven, present zijnde D: E: heer secunde van de graaff; en den secretaris van politie schutz; bij welke gelegentheijd niets bijsonder verhandelt is; als eenelijk dat zijn hoogh=t aan zijn wel Edele Agtb: bekend maakte dat hij voorneemens was des daags daer aan naar Tripontar„ „re tegaen; en zeekere jaarlijkse medicij„ „nen tegebruijken; en ten dien fine bij zijn wel Edele Agtb: quam om afscheijd teneemen voor welke beleefde betuijginge zijn wel Edele agtb: sijn hoogh=t vreende „lijk bedankte wenschende zijn hoogh=t een behoude reijse en een gelukkig Effect. van zijn voorgenoomen Cure, vervolgens wierde eenige onverschillige discoursen gehouden Den 15. Julij Jn de stad Cochim die A„o 1772: 215 Den 16: Julij jn de stad Cochim A A„o 1772: die na de omstandigheijd van tijd te pas kwamen; waer na zijn hoogh=t met des„ selfs palankeijn weeder naar zijn hoff ver„ „trocken is. d„o 21: d=o Dingsdag wierd alhier aangebragt een ola van den prins Cartamana aan zijn wel Edele Agtb: gerigt inhoudende een omstandig verhael van de geestelijke regten van het dorp Canecolom; als hier onder blijkt Translaat ola door den prins Cartamana gesz aan den wel Edele Agtb: heer Comman„ deur Adriaan Moens, ont„ „vangen den 21: Julij 1772: In het dorp Caneancolom waaren voor deesen vier geestelijke regenten; waar van twee gehoorende onder den vorst van charkera en twee onder Aijroen, drie daer van zijn uijtgestorven en de vierde die onder charkera sorteerde en genaamt Panapallij Caijmael het tijdelijke afgelegt/ Den 21: Julij jn de stad Cochim afgelegt hebben heeft charkare dit ampt gegeven; aan Bakij Caijmael en dat van welliel Caijmael is overgegaan aan den koning van Cranganoor en het ampt van Maddatil Caijmael hebben onse voorzaaten bij adoptie gegeke aan cotta pallil Menon onder het verleenen van een adoptie brief; op welk fondament hebben deselve die bediening zoo lange Jaaren g'adminis„ „treerd, en de geene die op de adoptie brief vermeld stonden uytgestorve zijnde, hebben wij die land goederen laaten arresteeren onder conditie dat „de decendenten die genegen mogte weesen met die administratie om „tegaen bij ons moeste Compareeren om de adoptie brief te laeten renove ren, zij quamen bij onsen beloofden dat zij de oude adoptie brief zouden opsoeken en bij ons brengen, mits dat wij Intussen de arresten zouden laten A„o 1772: 217 Den 21 Julij Jn de stad Cochim Ao 1778. laaten Jntrecken op die belofte lieten wij de arresten Jntrecken, dog ziende dat zij haare woorden niet naqua„ „men lieten wij haar met geweld ha„ „len, als wanneer zij betuijgenden dat zij geen adoptie brief hadden en dat zodanig een brief nooijt voordeesen zoude gepasseerd zijn, en overzulx zij niet verpligt waren eenige adoptie brief te ligten op dit onbillijke ant„ „woord sloegen wij eenige landgoederen van deselve aan als wanneer den Jongst vertrokken Resident van Paponettij volk wij ons sond, en lied ons weeten dat hij die zaak na de billijkheijd soude afdoen, mits dat die aangeslagene land goederen onder sequestratie zoude gegeven moeten werden gelijk wij gedaen hebben in verwagting dat den Resident die zaak naar de billijkheijd zoude afdoen, dog den tegenwoordige Resident heeft ons nu laeten weeten dat wij geen regt Den 21. Julij jn de stad Cochim regt hadden die landerijen aanteslaen, en dat wij wel zoude doen deselve wederom aan Madatil Caijmaal overtegeven wij hebben daer op ten antwoord ge„ dient dat het voor ons te lastig zoude vallen zulx te doen daar die lande„ „rijen door onse voorzaaten bij wijse van adoptie aan die caijmael gegeven waaren en dat zoo zij het an„ „ders met een Eede konde verefieeren wij van onse pretentie de assisteeren zouden daer op is goed gevonden dese zaek aan de cisie van vier regtsgeleerden Mam boeris te geven, de namboeris hebben uijtspraak gedient dat het geen den koning betuijgde de waarheijd was en bleeven daer bij persisteeren, wanneer onse onderdanen de actens en bewijsen die zij krijgen willen verbergen, en verdonkeren zal het voor ons heel moeijelijk vallen daer tegens te pro cedeeren den Jongst vervangen Residt heeft ons de Nelij laaten toemeeten en Ao 1772: 3

NL-HaNA_1.04.02_10401_0243 view scan ↗

English

219 The 21st of July in the city of Cochim ditto Ditto and in the presence of the present Resident testified that those lands belong to us by right; a certain subject of ours, being a kanakka, stole in broad daylight from the garden of a Moor 10 paijingoes, for which reason the Resident immediately had him seized and sent to the city; whereas others commit great thefts and are excused by the Resident; therefore we request your Right Honourable Worship to send the aforementioned kanakka back here; we find ourselves somewhat indisposed, and upon recovery we shall come to the city; signed by Prince Cartamana; below stood: for the translation, Cochim, date as above; was signed: S. van Jongeren, sworn Translator. 23 Ditto, Thursday. To the aforementioned ola from Prince Cartamana, his Right Honourable Worship has returned the following answer, as Anno 1772 The 23rd of July, the city of Cochim as can be read below. Draft ola written by the Right Honourable Lord Commander Adriaan Moens to Prince Cartamana on the 23rd of July 1772: I have received Your Highness's letter and shall first cause the matters set down therein to be investigated. However, since Your Highness writes to me that there are persons who commit great thefts and are excused by the Resident; whereas I absolutely desire that evil, and among it also the thefts in the country, be punished with the utmost rigour, I therefore request that Your Highness please provide me with the names of those thieves, and of the witnesses who have knowledge of the thefts, so that I may thereby be enabled not to leave them unexcused, but to punish them most severely, just as I Anno 1772 221 Anno 1772 The 23rd of July in the city of Cochim therefore cannot release that thief who stole paingas from a garden in broad daylight before he has received his proper punishment. I wish Your Highness a speedy recovery from Your Highness's illness so as to be able to come here as soon as possible and speak with me in person; below stood: thus translated by me into Malabar; Cochim, date as above; was signed: S. v. Jongeren, Sworn Translator. 1 August, Saturday. There were brought here from Coilan two olas addressed to the agent of Travancore, the Canarese Ananda Mallen, one from the Regiadore of Coilan addressed to Coemara Poela, and the other an attestation from the head of the stonecutters at Coilan named Ssaven Cannen, containing a detailed account of the embargo placed upon the cutting of stones for the service of the fort of Coilan, as can be read below. Translation Translation written by the Regiadore of Coilan, Narijanen Callij, to the Sarwadicariacaren Coemara Poela, brought here the 1st of August 1772: Your Honour's ola I have received here at Coilan, read, and understood its contents. I saw from it that when some building stones were being cut for the service of the fort of Coilan, the people who belong under my command along with those of the Melbijaripoecaren went thither, took the chopping knives from the workers, and subsequently placed an embargo thereon, stating that they were no longer allowed to cut stone, for which reason the chief of Coilan wrote a letter to Cochim to the Right Honourable Lord Commander, about which his Right Honourable Worship was very displeased; on which account, concerning that matter, the Paliath Achan The 1st of August in the city of Cochim and Anno 1772 223 The 1st of August in the city of Cochim Anno 1772 and Ananda Mallen each wrote an ola to Your Honour, of which the originals were sent to me, recommending to us that I should state to Your Honour the place where those stones were cut, and whether it occurred inside or outside the limits of the Honourable Company, or indeed on the King's ground, and where those stonecutters reside, and how many chopping knives were taken from them, and how large the number of those stonecutters was. Upon the receipt of Your Honour's ola, I had the chego stonecutters summoned to the mandapam, whereupon there appeared before me the head of the stonecutters, named Isen Cannen, who has provided an attestation of the whole affair, which I send over to Your Honour herewith for Your Honour's consideration, and its contents are truly what essentially happened here. Before the year 1746, when the Company needed some stones for the service of the fort, they used to cut them within the Company's limits, and now that the limits of the Company have been filled up and built upon, they wish to cut the The 1st of August in the city of Cochim Anno 1772 the stones from the gardens of our subjects which they have taken on kanam, and from the King's gardens; wherefore the subjects have come with their complaints, and that is also the reason why the chandrakaran has placed an embargo upon it; and how I shall have to conduct myself in this matter, I request Your Honour to let me know in answer to this; signed by the aforementioned Regiadore. In the Kollam year 947, on the 15th of the month of Karkidakam, or Anno 1772 the 25th of July, this attestation was written, granted, and passed. The head of the stonecutters, named Ssaven Naden Lairen, attests that the chief of Coilan gave some fanams to the attestant for the service of the fort for the delivery of stones, and that he, the attestant, in the garden of Cadboercherij belonging to a certain Bengacare Poela, cut 1000 pieces of stone

Dutch transcription

219 Den 21: Julij jn de stad Cochim do D=o en ter presentie van den presenten Resdt. betuijd dat die landerijen ons van regts weegen Compiteeren; zeker onderdaen van ons zynde een canaka heeft op klaa„ „ren dag van de thuijn van een moor 10: paijingoes gestoolen, waarom den Residt hem ten eersten laaten oppac„ „ken en naar de stad senden; daar andere groote diverijen pleegen, en bij den Resdt verschoont werden; derhalven versoeken wij uwelEdele Agtb: gem: Canaka wederom dit heen tesenden; wij be„ „vinden ons wat in dispoost, en bij reconvalifatie zullen wij in de stad komen getekend bij den prins cartama„ na /onderstond:/ voor de franslatie Cochim dato als boven /was getekend:/ S: van Jongeren geswoore Translateur: 23: D=o Donderdag op voormelde ola van den prins Cartamana heeft zijn wel Edele Agtb: het ondervolgende antwoord toegepast als A„o 1772: Den 23. Julij de stad Cochim als hier beneeden te leesen is Concept ola door den wel Edele Agtb: heer Com„ mandeur Adriaan; Moens Aan den prins Cartamana geschreeven den 23: Julij 1772: Ik hebbe uhoogh=ts brief ontvangen en zal de daer bij ter neder gestelde zaaken eerst laaten ondersoeken dog dewijl uhoogh=t mij schrijft dat er persoonen zijn die groote diverijen pleegen en bij den Resident verschoont worden; daar ik absoluet be„ „geere dat het quaade en daer onder ook de dieverijen in het land ten regoreuste gestraft word zoo versoeke dat uhooght mij eens de namen van die dieven gelieve op te geren, en van de getuijgens dewelke van de diverijen weeten op dat ik daar door in staat kan gesteld werden om hur niet onverschoont te laaten maer ten scherpsten te straffen, gelijk ik daer A„o 1772: 221 A„o 1772: Den 23: Julij Jn de stad Cochim om daer „ dien dief welk op klaren dag uijt een thuijn paingas gestoolen heeft niet eerder kan largeeren voor dat hij zijn be„ hoorlijke straff Erlangt heeft; jk wens uhoogh=t spoedig herstelling van uhooght ziekte om des te spoedigsten hier te kon„ „nen komen en met mij mondeling tespreeken /onderstond:/ zodanig door mij in het mallabaars overgeset /Cochim dato als boven /was get:/ S: v: Jongeren Gesw: Transtateur. 1. Aug=s Saturdag zijn alhier van Coilan aangebragt en twee olas onder adresse van den agent van frevan„ „coor den Canarijn Ananda Mallen, d' eene van den Ragiadoor van Coilan; aan coemara Poela gerigt en d'ander een attestatie van het hoofd der steen kappers tot Coilan in name ssaven Cannen Jnhoudende een omstandig ver„ „hael van het arrest gelegt, op het Cappen van e„ de steenen, ten dienste van het fort van Coilan als hier onder kan geleesen werden Translaat 8 „ oli Translaat door den Ragiadoor van Coilan Narijanen Callij gesz: aan den sarwadicariacaren Coemara Poela alhier ge„ „bragt den 1: Augtus 1772: E: ola heb ik alhier op coilan ontvang geleesen en dies inhoud verstaen, jk za daer uijt dat ten dienste van het vort van coilan eenige kapok steenen ge„ „kapt werdende, het folk dat onder mij Commando sorteerd met dat van der Melbijaripoecaren daar na toe soude gaen, de kapmessen van de arbeijders. afgenoomen, en vervolgens arrest daer op gelegt hebben, dat zij geen steen meer mogten kappen, waaromme 't opperhoofd van Coilan een briev nae Cochim aan den wel Edele agtb: Heer Commandeur geschreeven hebben, waar over zijn wel Edelen Agtb: seer moeijelijk was weshalven over die materie den Paljetter Den 1: Augustus Jn de stad Cochim en A„o 1772: 223 Den 1: Augustus jn de stad Cochim A„o 1722: en Ananda Mallen ieder een ola aan VE: „gesz: hebben waar van de orgin: mij toegesonden waaren wij recomman„ „deerende dat ik VE: soude soude „ opgeven de plaets waar dat die steenen gekapt waaren, en op het binnen, of buijten de limieten van D'E: Comp: is geschied; dan wel op 'skonings grond, en waar dat die steen kappers 't huijs hooren en hoe veel kap messen van deselve afgenoomen waaren, en hoe groot het getal is geweest van die steen kappers; ik heb op den ont„ „fangst van VE: ola de chegole steen kap„ „pers in medicat laaten roepen, waar op voor mij verscheenen in het hoofd van desteen kappers met name Isen cannen die een attestatie van de gantsche zaken, heeft verleend, dewelke ik tot VE: specu„ „latie nevens deesen oversende, en dies inhoude is waarlijk het geen hier we„ „sentlijk voorgevallen is; voor 't Jaer 1746: als de Comp=s eenige steenen tot den dienst van het fort benodigt had plagte desel„ „ve op sComp=s liemieten tekappen, en nu dat de liemieten van Comp: opge„ „vuld en gelaaden gemaakt zijn; wild men de Den 1: Augustus Jn: der stad Cochim Ao 1772: de steenen van de thuijnen van onse onderdanen die zij op canna genoomen hebben, en van 'sConings thuijnen kappe waaromme de orderdanen met hun klagte gekomen zijn en dat ik ook de reeden dat den chandracaren daar arrest op gelegt heeft, en hoedanige ik mij in de zaak zal hebben te gedraagen, ver„ „soeke VE: mij Jn antwoord deeses te laaten weeten get:/ bij gem: Ragiadoor. Jn het Jaar Coilan 947: den 15: van de maand Carcadagam ofte ao 1772 den 25: Julij is deese attestatie gesz verleend ende gepasseerd het hoofd van de steen kappers in name ssaven Naden lairen, atesteerd, dat het opperhoofd van Coilan tot den dienst van het fort eenige fanums aan den attestant heeft gegeven op leverantie v steenen, en dat hij attestant in de thuijn van Cadboercherij gehoorende aa zeeker Bengacare poela 1000. p=s steen gekapt

NL-HaNA_1.04.02_10401_0249 view scan ↗

English

The 1st of August in the city of Cochin Anno 1772: cut, shipped in a vessel, brought to Caijdebaar, and carried up to the fort and counted out, at which time he was called before the Chandrakaren, who had told him that Bengacare Poela had come to him with complaints that he had cut and sold the stones from his garden, claiming that the cost thereof should be paid to him, with orders that he should cut no more stones from there nor sell them, and if the chief needed stones he should write about such to the Ragiadoors, and that he, the attestant, should fetch no more stones from that garden; that the attestant gave notice of this to the chief of Coijlan. The attestant further attests that his tools were not taken from him, nor was any insult offered to him; remaining, about such, persisting in his attestation. Signed by Naden cannen. Below stood: For the translation of the one and the other, Cochin, date as above. Was signed: S: v: Jongeren, sworn interpreter. After this, His Right Honourable the Lord Commander wrote an ola to the King Zamorin concerning the captive Moor Midien, who has been condemned to punishment by the Honourable Council of Justice of this place, as can be viewed here below in the draft as well as the sentence of the said Council of Justice. Draft of an ola by the Right Honourable Lord Commander Adriaan Moens, written to the King Zamorin on the 1st of August 1772: The Moor Midien of Chawacattij, having ventured with several other accomplices onto the Honourable Company's territory to steal 24 oeladassen, whereof he has so wounded one of them, named Ramen, that he died a few days thereafter, and having been apprehended for this and placed on trial before us; so he has been condemned by the Council of Justice here to be severely scourged with a rope around the neck at the post of the gallows, subsequently branded, and riveted in chains for the period of 50 years, as will appear to Your Highness from the copy of the sentence translated into Malabar and attached hereto. But since the said Moor Midien is a subject of Your Highness, we shall, for the preservation and increase of friendship, surrender the same to Your Highness in order to have him punished according to his deserts; therefore we request that Your Highness send someone hither to take over that criminal, whom we then expect before the 15th of this month, when the sentence will be executed upon the others here. May God preserve Your Highness. Anno 1772: The 1st of August in the city of Cochin. Wednesday the 22nd of July 1772, in the morning at eight o'clock. Present: the Noble Lord Willem Jacob van de Graaff, President; item the Valiant Lord Jan Hendrik Medeler and the Honourable Messrs. Anthony Becker, Samuel Constantin Saffin, Jan Lambertus van Spall, Coenraad George Seijffer, Lourens Buijs, and Jopst Hendrik Daniel Stipbeden. Absent: the member Hendrik Dirksz, through indisposition. The documents serving in the trial of the merchant and fiscal, the Honourable Reinier van Harn, ex officio prosecutor, against Midien of Rawacattij, the Topas Pidro De Roza, and the Christian Bastiaan of Baijpin, presently the Lord's prisoners, together with the fugitive Moors Aten and Coenjalij, item the Christians Coenjen and Coelij Chomen, the former having resided at Chettua and the latter here; having been circulated according to the resolution of the 15th of this month among the members for reading and examination, and having been returned today, the definitive sentence has on this day been pronounced as follows: The Council, having read with attention and resumed the written criminal claims and conclusions made and taken by the aforesaid prosecutor and officer, Reijnier van Harn, ex officio prosecutor, upon and against the prisoners and fugitives mentioned here before concerning the theft and carrying off of 24 oeladassen and the mortal wounding of one of the same, together with the documents and evidence pertaining thereto, together with having paid regard to everything that required attention and served the matter in this case, administering justice in the name and on behalf of their High Mightinesses, the Lords States-General of the United Free Netherlands, condemns the prisoners mentioned in this matter, to be brought to the ordinary place of justice, where it is customary here to execute criminal sentences, there delivered to the executioner one after the other; the Moor Midien to be tied to the post of the gallows with the rope around the neck, severely scourged with rods upon the back, and branded with a glowing iron; and the Topas Pedro de Rozo to be tied to a stake and likewise severely scourged with rods and subsequently branded with a glowing iron; together with the Christian Bastiaan likewise tied to a stake, severely scourged with rods upon the back; and subsequently all three to be riveted in chains, the Moor Midien for fifty, the Topas De Roza for twenty-five, and the Christian Bastiaan for fifteen consecutive years, and during that time to labour on the Honourable Company's public works, at

Dutch transcription

225 Den 1: Augustus Jn de stad Cochim A„o 1772: gekapt in een vaartuijg afgescheept op Caijdebaar gebragt; en naar het fort opge„ „draagen, en toegeteld heeft als wanneer hij geroepen is, bij den Chandrakaren die hem gesegt had, dat Bengacare Poela met klagte bij hem gekoomen was, dat hij de steenen uijt zijn thuijn had gekapt en verkogt pretendeerende dat het kostende van dien aan hem zoude betaalen met last dat hij daer van geen steenen meer soude kappen nog verkoopen, en zoo het opperhoofd steenen benoodigt hadde hij zulx aan den Ragiadoors soude schrijven, en dat hij attestant geen steenen meer van die thuijn soude afhaelen, dat den attestant hier van kennisse gegeven heeft aan 't opperhoofd van Coijlan wijders attesteerd den attestant dat zijne gereedschappen hem niet afgenoomen, nog eenige beleediginge aan hem gedaan waaren; blijvende over zulx bij zijn attestatie persisteeren getekend bij Naden cannen /onderstond:/. voor de Translatien van Ao 1772: Den 1: Augustus jn de stad Cochim van het een en ander Cochim dato als boven /was getekend:/ S: v: Jongeren geswoore pranc= Hier naer schreef zijn wel Edele Agtb: eer ola aan den koning sammorijn wegens den gevangen Moor Midien die door den Agtb: Raad van Justitie ter deser steede is gecondemneerd ter straffe gelijk hier onder bij het Concept als het vonnis van gem: Raad van Justitie kan b'oogt werden. Concept ola door den wel Edele Agtb: heer Comman„ „deur Adriaan Moens; Aan den koning Sammorij geschreeven den 1: Aug=t 1772: Den moor Midien van Chawa„ cattij met meer andere complicen sComp:s onderkomen hebbende op sholnings ter „ritoir te steelen 24: oeladassen, waar van de selven eener genaamt Ramen zodanig heeft gequest dat hij wijnige daagen daer na 227 Den 1: Augustus Jn de stad Cochim: Ao 172 na overleeden is, en daar over opgevat en bij ons te regt gesteld zijnde; zoo is hij door den Raad van Justitie alhier gecondem„ „neerd, om met een strop om den hals aan de stijl van galg strengelijk gegeseld vervolgens gebrand merkt en voor den tijd van 50: Jaaren in de ketting ge„ 2 klanken tewerden, zoo als uhoogh=t blijken zal uijt het Copia vonnis in het mallabaars overgeset deesen bij ge„ „voegd, dog nademael gem: moor Midien een onderdaen van vhoogh=t is; zoo zullen wij ter Conservatie en vermeerderinge der vriendschap den selven aan uhoogh=t overgeeven, om hem na merite te doen straffen, derhalven versoeken wij, dat uhooght iemand herwaards tesenden om die misdadiger overteneemen, welken wij dan verwagten voor den 15: deser wanneer het vonnis aan de andere hier ter Executie zal gelegt worden god bewaare uho=t woensdag 8 A:o 1772: Den 1: Augustus jn de stad: Cochim woensdag den 22: Julij 1772: smorgens ten agt uuren, present den Edelen Heer Willem Jacob van de Graaff, president Jtem DE: Manhafter Heer Jan Hendrik Medeler en Es. Anthony Becker, Samuel Constantin Saffin, Jan Lambertus van Spall, Coenraad George Seijffer, Lourens Buijs en Jopst Hendrik Daniel stip beeden, absend het li Hendrik Dirksz: door indispositie De stucken dienende ten processe van den koopman en fiscael DE Reinier van Harn Ex of Eijsscher contra den Midien van Rawacattij, den toepas Pidro De Roza en christen Bastiaan van Baijpin thans sheeren gevangens, mitsgaders de voorvlugtige mooren Aten en coen„ „jalij, item Christen Coenjen en Coelij Cho„ „men, d' eerste woonagtig geweest zijnde te chettua ende laatste alhier volgens besluijt van den 15: deser bij de leeden ter leesing en Examinatie rond geweest en 229 Den 1: Augustus Jn de stad Cochim A„o 1772; en heeden weeder binnen gekomen zijnde, zoo is ten deesen daage ten diffenative gevonnist als volgt; Den Raad met aandaagt geleesen en geresumeerd hebbende de schriftelijke crimo„ conclusien van voorsch: „neele Eijsscher en officier Reijnier van Harn ampshalven Eijsscher op ende Jeegens de gevangens en voort vlugtigen hier vooren gem: gedaen ende genoomen over het steelen en vervoe„ ren van 24: oeladassen en het dodelijk kwesten; van een der selve beneevens de stucken en bewijsen daer toe gehooren, de mitsgaders gelet op alle het geene te letten stond, en in desen ter materie was dienende, doende regt uijt naam ende van weegens Haar Hoog mogende de Heeren staaten generaal; der vrije vereenigde Nederlanden condem„ neerd de gevangens in deesen gemeld omme gebragt zijnde ter ordinaires geregtsplaatse alwaar men hier gewoon is N Den 1: Augustus jn de stad Cochim A„o 1772: is Crimineelen cententien te executeer aldaer den eenen voor een anderen na den scherpregter overgelevert; den moor Midien met de strop om de hals aan de steijl van de galg gebonden strengelijk met roeden op den rugge gegeset, en met een gloeijent ijzer ge„ „brandmerkt; en den toepas Pedro de Rozo aan een paal gebonden en meede met roeden strengelijk gegeset en vervolgens met een gedeyent ijzer gebrandmekt, mitsgaders den christe Bastiaan infgelijks aan een paal gebonden met roeden strengelijk op den rugge gegezelt en vervolgens alle drie in de ketting geklonken te wer „den den moor Midien voor vijftigh en toepas De Roza voor vijfentwin „tigh; en den Christen Bastiaan voor vijfthien, agter een volgende jaeren, en geduurende dien tijd aan sComp=s gemeene werken te arbeijden ter

NL-HaNA_1.04.02_10401_0255 view scan ↗

English

231 The 1st of August in the city of Cochin Anno 1772. at the place where it shall please the high authorities of this coast to approve, or else to hand over the Moor Midien, as a subject of the King Zamorin, with the approval of the high authorities of this coast, to his lawful lord for punishment; furthermore declares the fugitive Moors Aten and Coenjalij, as well as the Christians Coenjen and Coelij, to be barred, namely, from all exceptions, whether declinatory, dilatory, or peremptory, as well as defenses and objections that they might have proposed and made had they appeared, and condemns the same, head by head, to banishment for life from the jurisdiction of the Dutch East India Company and the lands of the King of Cochin, without ever being permitted to return therein, under penalty of being executed by cannon; The 1st of August in the city of Cochin condemns furthermore all delinquents to the costs and expenses of justice, in the share or deportations of the Christian Bastiaan, his wife, should she be inclined to retain ownership of the same and wishes to exercise it again after the period of his banishment; with dismissal of the claimant's further or other demands made and taken against both the prisoners and the fugitives; all, however, upon and in case of approval by the Right Honorable, Venerable Lord Adriaan Moens, Commander and Supreme Ruler of this coast. Thus voted and sentenced within the city of Cochin in the ordinary Council Chamber of the Honorable Council of Justice on the day, month, and year aforesaid, by the Honorable Lord Willem Jacob van de Graaff, President, item the Valiant Lord Jan Hendrik Medelea, and Paolo Anthonij Becker, Anno 1772. Anno 1772. 233 The 1st of August in the city of Cochin Becker, Samuel Constantin Saffin, Jan Lambertus van Spall, Coenraad George Seijffer, Lourens Buijs, and Joost Hendrik Daniel Stip, members. Below stood: In my presence, was signed: I. A. Daimichen, Secretary. Below stood: Extracted from the Criminal Roll of the Honorable Council of Justice of this city, and agrees, A. Poolvlied. Lower stood: For the translation of both matters, Cochin, date as above, was signed: P. v. Jongeren, Sworn Translator. Ditto the 3rd ditto, Monday morning, the King of Cochin sent to His Right Honorable, in accordance with the request made, the list of the newly appointed servants of the Canarese pagoda, and at the same time requested that they might appear before His Right Honorable to be confirmed in their offices by His Honor; which request being granted, the said The 3rd of August in the city of Cochin Anno 1774. the said servants appeared before His Right Honorable and requested that His Right Honorable might be pleased to approve their appointments and grant the protection of the Honorable Company and attach to them two lascars to carry out the collection of the lease moneys for the gardens and lands; upon which His Right Honorable served them with the answer that His Honor indeed approved the promotion by the King of Cochin and, as a token of the Company's protection, would also assign two lascars, provided that they conduct themselves well, at the same time recommending to them that they must seek to advance the affairs of the pagoda through peaceful and harmonious conduct, and leave aside all passion, hatred, and envy against one another; which they, having promised to do, departed again very well satisfied, the said list being inserted here. Names of the newly appointed servants of the Canarese Pagoda given by the King of Cochin: Anno 1772. 235 The 3rd of August in the city of Cochin Malpa Looij, permanent heads Bapa Lokboe Rama Chiandra Looij, lesser administrators who are discharged every 2 to 3 years. Aloe Camottij Bapasa Pooij and Anoe Malpa Pooij Below stood: For the translation, Cochin, date as above, was signed: S. v. Jongeren, Sworn Translator. The 6th ditto, Thursday morning, His Right Honorable wrote yet another ola to the King Zamorin, accompanied by a copy of the ola previously sent by His Right Honorable and the sentence of the Honorable Council of Justice of this city against the Moor Midien and his accomplices, and which His Right Honorable would send, addressed to Isaak Surion, The 6th of August in the city of Cochin sent to ensure safer delivery, the ola to the Zamorin and the letter to Isaak Surion reading as follows: Draft ola written by the Right Honorable, Venerable Lord Commander Adriaan Moens to the King Zamorin on the 6th of August 1772: On the first of this month, I had the honor of writing an ola to Your Highness, addressed to the Resident of Chettua, of which this authentic copy is enclosed; which I thought fit to send to Your Highness in copy addressed to Isaak Surion, because I have learned that my first ola of the 6th of April 1771 was not delivered to Your Highness. May God preserve Your Highness. Draft Portuguese letter written by the Right Honorable, Venerable Lord Commander Adriaan Moens to Isaak Surion on the 6th of August 1772: Anno 1772. 237 The 6th of August in the city of Cochin To Isaak Surion, written the 6th of August 1772: I request that you ensure the safe delivery of the enclosed ola to the King Zamorin, as it is the duplicate of the ola that I sent under date of the 1st of this month addressed to the Chettua Resident; I do this so that in case the original ola that I sent via Chettua should again go missing, this one will then arrive safely. The contents of that ola are enclosed herewith for Your Honor's perusal. Meanwhile I remain. Below stood: Thus translated by me, Cochin, date as above, was signed: S. v. Jongeren, Sworn Translator. The 8th ditto, Saturday before noon, His Right Honorable received an ola from the King Zamorin containing the receipt of His Right Honorable's ola sent via the address of Isaak Surion, as follows below: Anno 1772.

Dutch transcription

231 Den 1: Augustus Jn de stad Cochim Ao 1772. ter plaetse waer het de hooge overigheijd deser kuste zal gelieven goed tevinden dan wel den moor Midien als een onderdaan van den koning sam„ morijn; zijnde met believen van de hooge overigheijd deser kuste aan zijn wettigen Heer, ter straffe over tegeven verklaart voorts de voortvlugtige mooren Aten en Coenjalij mitsga„ „ders den Christen coenjen en coelij komen versteeken teweeten van alle Exeptien zoo de clinatoir, de„ „lateur en perenteur, mitsgaders defentien en weiren diese compareerde had„ „den mogten proponeeren, en doen, en condemneerd deselve hoofd voor hoofd tot een Bannissement voor hun leeven lange uijt de Jurisdictie van de Nederlandse oostindische Comp: ende landen van den koning van Cochim sonder ooijt daer inne weeder temoogen koomen sub peene van op de stucken te sullen werden Den 1: Augustus jn de stad Cochim werden te regt gesteld condemneerd voorts alle delinquanten in de kosten en misen van Justitie in het aandeel of deportien van de christen Bastiaan de lijfvrouwe van de selve indien zee ge„ „neegen is den eijgendom op denselven te behouden en na den tijd van zijn ban„ „nissement weeder wil Excerceeren met ontsegging van des eijsschers meerders of anders g'eijschte soo teegens de gevangens als voortvlugtigen gedaen ende genoomen alle nogthans op en in cas van approbatie van den wel Edelen Agtb: heer Adriaan Moens Comman„ „deur en oppergebieder deser kuste. Aldus gevoteerd en gesentieerd bin„ „nen de stad Cochim ter ordinaire Raad camer van den agtb: Raad van Justitie ten dage maand en Jaare voorm: bij den Edelen Heer Willem Jacob van de Graaff President, jtem d' Manhaften heer Jan Hendrik Medelea, en P=lo Anthonij Becker/ A„o 1772: A„o 1772:7 233 Den 1: Augustus Jn de stad Cochim Becker, samuel Constantin saffin Jan Lambertus van spall, coen„ „raad George seijffer, Lourens Buijs, en Joost Hendrik Daniel stip leeden /onderstond:/ mij present /was getekend:/ I: A: Daimichen secretaris /onderstond:/ g'Extra„ leerd uijt de crimiele Rolle van den agtb: raad van Justietie deser steede en accordeerd A: Poolvlied lager /stond voor de franslatie van het een en ander Cochim dato als boven /was getekend:/ P: v: Jongeren geswoore Translateur. D=o 3: d=o Maandag 'smorgens heeft den koning van Cochim aan zijn wel Edelen Agtb: vol„ „gens gedaane Requesit toegesonden de lijfte van de nieuw aangestelde bediendens van de canarijnse paljaad; en teffens laaten versoeken dat deselve voor zijn wel Edele Agtb: mogten ver„ „scheijnen om door zijn wel Edele in hunne functie g'approbeerd tewerden; welk ver„ „soek toegestaen zijnde compareerden gemelde Den 3: Augustus Jn de stad Cochim Ao 1774: gem: bediendens voor zijn wel Edele agtb: „en versogten dat zijn wel Edele Agtb haare aanstellinge gelieve te aprobeeren ende bescherming van D'E. Comp: te verleenen en haar toetevoegen twee lascorijns om de Jnvordering van de pagt penningen der thuijnen en lan„ derijen te doen, waar op zijn wel Edelen agtb: haar ten antw: diende dat zijn wel Edele de promotie van den koning van Cochim wel approbeerde en tot teeken van 'sComp: protectie ook twee lascorijns soude toevoegen, mits dat zij zig wel ge„ „draagen teffens haar Recommandeeren „de dat zij door een vreedsaam en een„ „dragtig gedrag 'spagoods zaaken moesten zoeken te bevordeeren; en alle passie, haat, en nijd tegens malkanderen agter laa„ „ten, 't geen zij beloofd hebbende te doen zijn zeer vergenoegd weder vertrocken, zijnde gem: lijste hier g'insereerd. Namen van de Nieuw aangestelde bediendens van A„o 1772: 235 Den 3: Augustus jn de stad Cochim Malpa Looij Permanente Hoofden Bapa Lokboe Rama Chiandra Looij mindere ad„ ministrateursn Aloe Camottij die om 2: â 3. Bapasa Pooij en - - Jaaren afge„ dankt werden. Anoe Malpa pooij - - /onderstond/ voor de franslatie Cochim dato als boven /:was getekend:/ S: v: Jongeren geswoore translateur: 6: d=o Donderdag smorgens schreef zijn wel Edele Agtb:; nog een ander ola aan den ko„ ning sammorijn; verselt van een Copia van zijn wel Edelen Agtb: bevoorens afge„ sondene ola en d' sententie van den Agtb: raad van Justitie deeser steede; tegens den moor Midien en zijn complicen en dewelke zijn wel Edelen Agtb: onder addresse van Isaak Surion van de Canarijnse Pagood door den koning van Cochim opgegeven soud B Gt Den 6: Augustus jn de stad Cochim sond om secuurder bestel te konnen worden luijdende de ola aan den sammorijn en de briev aan Isaak Surion aldus Concept ola door den wel Edele Agtb: heer commandeur Adriaan Moens; aan den koning Sammorijn gesch: den 6: augustus 1772: Den Eersten deeser hebbe ik de eere gehad aan uw hoogh=t onder addaesse van den Resident van chettua; een ola te schrijven waar van deese copia autentica verseld gaat; die ik goed gedagt hebbe aan vho=t in Copia addresse van Isaak Surion te senden, om dat ik vernoomen hebbe dat mijne eerste ola van den 6: April 1771: aan vho=t niet besteld is geworden; god bewaare uhoogh=t Concept Portugeese briev door den wel Edele Agtb: heer Commandeur Adriaan Moens aan¬ Isaak A:o 1772: 237 Den 6: Augustus Jn de stad Cochim Go Isaak Surion geschreeven den 6. Augustus 1772:— versoek de nevens gaande ola aan den koning sammorijn secuur telaaten be„ stellen als zijnde het dupplicaat van de ola die ik onder dato den 1: deser onder addresse van den chettuasen Resident toegesonden hebbe, dit doe ik op dat indien de orgineel ola die ik over chettua geson„ den hebben weeder absent mogte raaken; deese dan ter houw zal komen den Jnhoud van die ola gaat tot VEd: specu„ latie hier neevens. Jn middels verblijve /:onderstond:/ zodanig/ door mij het een en ander overgeset Cochin dato als boven /was getekend:/ S: v: Jongeren geswoore Translateur 8: D=o Saturdag voor de middag ontving zijn wel Edele Agtb: een ola, van den koning sammorijn behelsende den ont„ „fangst van zijn wel Edele agtb: ola- per addresse van Isaak Surion gesonden als hier onder A„o 1772:

NL-HaNA_1.04.02_10401_0262 view scan ↗

English

Anno 1772. Translation of an ola written by the king Zamorin to the Right Honorable Lord Commander Adriaan Moens; received on the 8th of August 1772. Since the first ola from Your Right Honorable was not delivered to us, Your Right Honorable, upon the announcement of Isaak Surion, sent us the copy thereof, which we have read and the contents understood. We congratulate Your Right Honorable on the assumed administration of the Company's affairs and interests on this coast. We had not received the first ola. We request the favor and assistance of the Honorable Company, with the assurance that we will leave nothing undone to please Your Right Honorable regarding the maintenance of the friendship between us and the Honorable Company, as confirmed below. The 8th of August in the city of Cochin. On our part no shortcoming will be found; signed by His Highness. Below stood: for the translation, Cochin, date as above. Was signed: S. v. Jongeren, Sworn Translator. On the 10th of the same month, Monday before noon, His Right Honorable received a second ola from the king Zamorin, speaking about the captured Moor Elidien, as is to be observed below. Translation of an ola written by the king Zamorin to the Right Honorable Lord Commander Adriaan Moens; received on the 10th of August 1772. We have received Your Right Honorable's ola, read it, and understood its contents. We learned therefrom that the Moor Midien with several other accomplices had undertaken to steal some timber on the Company's territory, during which he severely wounded a person who died a few days later, on account of which the Council of Justice there had condemned him to punishment, as appeared from the sentence of the said Council of Justice sent hither in the Malabar language. And since the said Moor is a subject of ours, we ourselves ought to punish him; and whereas we should send someone before the 15th of this month to take him over, the others would be put to execution by that date. We have read and well understood the contents of the sentence, as well as the crime that Midien committed. Those who commit crimes must be corrected according to law. Therefore, we expect to hear from Your Right Honorable that Midien has received his punishment. Regarding the maintenance of friendship between us and the Honorable Company, no shortcoming will be found on our part. Signed by His Highness. Below stood: for the translation, Cochin, date as above. Was signed: S. v. Jongeren, Sworn Translator. Shortly thereafter, His Right Honorable wrote a long letter to the king of Travancore, not only concerning the pepper delivery and tobacco trade, but also regarding some differences and complaints that have arisen at Quilon, as can be read below. Draft ola written by the Right Honorable Lord Commander Adriaan Moens to the king of Travancore, the 10th of August 1772. I have received, read, and understood Your Highness's last ola, with which was also included, as a present for me, a fine diamond ring, which I shall use as long as I live as a pleasant remembrance of the king of Travancore, with which prince I have the pleasure to harmonize so amicably and correspond so openly, so that I thank Your Highness in the most friendly manner for that considerable present. Since his return from Chenotte, I have spoken once and again in great detail with the Payetter about the item of tobacco, and deliberated whether there might not be a means, in the event of extraordinary pepper deliveries, to also please Your Highness regarding the tobacco as a particular matter of Your Highness's special interest, as far as my office and duty permit. And the Payetter has moved me so far that I finally promised him to make a proposal to Your Highness in that regard as soon as I receive news that the promised quantity of pepper has been delivered. And thus it depends on Your Highness whether, by a large delivery of pepper, to enable me to do Your Highness that pleasure, of which I also have good confidence because I receive reports from Porca and Calicoilan that the delivery of pepper has actually begun there. And I do not doubt that Your Highness will see by experience that the more pepper Your Highness delivers to the Honorable Company, the more I will be found willing to do Your Highness that pleasure, just as I have declared once and again to the Balia Sarwadicariacaren Patter Oenij and Sarwadicariacaren Coemara Poela, when some time ago they likewise discoursed with all possible emphasis regarding the item of tobacco. Last week the Payetter came to speak to me about it for the last time, but had to go back to Chenotta because of his birthday celebration. As soon as he returns, we shall speak once more on that same subject, in the hope that I will then be able to make known my intention and resolution to Your Highness, and he will come in person to Your Highness for that purpose, in order to

Dutch transcription

A„o 1772: Translaat ola door den koning sammo„ „rijn geschreeven aan den wel Edele Agtb: heer Com„ mandeur Adriaan Moens; ontvangen den 8: Augustus 1772: Nadien de Eerste ola van uwel Edele Agtb: aan ons aan niet is besteld geworden, zoo heeft uwel Edele Agtb: op de aankundig van Isaak Surion ons de copia daar toegesonden dewelke wij geleesen en den Jnhoud ver„ „staen hebbe wij feleciteeren uwel Edele Agtb: met het aangevangen bestier over 'sComp=s zaken en belangens hier custe, de eerste ola hebben wij net ont„ „vangen wij verzoeken de gunst en assistentie van DE. Comp: onder verzee„ „kering dat wij niets onbesogt zullen laaten om uwel Edele Agtb: plaisier toetebrengen omtrend het onderhouden van de vriendschap tussen ons en DE: Comp: onder consteerd. Den 8: Augustus jn de stad Cochim zal 239 Den 8: Augustus jn de stad Cochim zal aan onse kant geen manquement werden gevonden; getekend bij zijn hoogh=t /onderstond:/ voor de franslatie Cochim dato als boven /was getekend:/ S: v: Jongeren geswoore Translateur d=o 10: D=o Maandag voor de middag ontving zijn wel Edele Agtb: een tweede ola van den ko„ ning sammorijn; spreekende over den gevangen moor elidien gelijk hier onder te beoogen is Translaat ola door den koning sammorijn; ge„ schreeven Aan den wel Edele Agtb: heer commandeur Adriaan Moens; ontvan „gen den 10. augustus 1772: uwel Edele Agtb: ola hebben wij ontvan„ gen geleesen en dies jnhoud verstaen wij lagen daar uijt dat den moor Midien met meer andere complicen ondernoo„ „men hadden op 's Comp:s Cerritoir eenige oeladdassen testeelen waar van den selven eene swaer heeft gequest dat hij weijnige dagen A„o 1772: Den 10: Augustus Jn der stad Cochim daagen daar na overleeden is, waaronm den Raad van Justietie aldaer deselve gecondemneerd hadde ter straffe, gely de sententie van gem: Raad van Just „tie in de Mallabaarser taele herwaards ge„ „sonden; quam te blijken en nadien gem: moor een onderdaan van ons is; wij hem selfs dienden te staffen, ende overzulx wij voor den 15: deser ijeman sende soude om hem overteneemen, dat andere tegens dien dato zoude ter Executie gelegt werden; den Jnhoud van het vonm hebben wij geleesen en wel begreepen, als ook de misdaat die Midien gepleegt heeft die de dilicten begaen moeten na regten gecorrigeerd werden; over„ zulx verwagten wij van uwel Edele agtb: teverstaen dat Midien zijn straffe bekomen heeft omtrend het onderhou„ „den van de vriendschap tussen ons en D'E: Comp: sal aan onse kant geen manquement gevonden worden get bij zijn hoogh=t /onderstond:/ voor de franslat Cochim Ao 1772: 241 Den 10: Augustus jn de stad Cochim Cochim dato als boven /was getver:/ S: v: Jongeren Gezwoore Translateur kort daar na op schreef zijn wel Edele Agtb: een largo briev aan den koning van saevancoer, niet alleen over de peper leverantie ende tabaks negotie maar ook over eenige verschillen en klag„ „ten die er de Coilan ontstaen zijn als hier onder te leesen is. Concept ola door den wel Edele Agtb: heer com„ „mandeur Adriaan Moens, aan den koning van Trevancoor geschreeven den 10: augustus 1772: uw hoogh=ds laetste ola hebbe ont„ „vangen geleesen en verstaen waar bij ook tot een present voor mij gevoegt was, een fraeije Diamante Ring dewelke zo lange ik leeve gebruijken zal tot een aangenaame gedagtenisse van den koning van saevancoor met welke vorst ik het genoegen hebbe zoo vriendelijk Ao 1772: Den 10: Augustus Jn de stad Cochim Ao 1772: vriendelijk te harmonieeren en zoo ope hartig te conrespordeeren zoo dat ik uhoo „heijd op het vrendelijkste bedanke voor dat aansienlijk present Ik hebbe met den paejetter zeedert desselfs te rug komste van chenotte eens en andemaal zeer omstandig over het articul van den Jabak gesprooken, en overlegt of er geen middel zoude zijn om bij Extra ordinair peper le„ „veranties uhoogh=t omtrend de tabak als een particulier articul uho=ts bijsonder belang soo verre mijn ampt en pligt toelaat; ook plaisier te doen ende pacjetter heeft mij zoo verre bewoogen dat ik hem op 't laatste be„ loofd hebben vho=t ten dien belange een propositie te doen zoo draa ik de tijdinge maar zal hebben dat de beloofde quan„ „titeijd peper zal gelevert zijn en dus hangt het van uho=t of door een groote leverantie van peper mij in staad te stellen uhd=t plaisier te doen, waar van ik 243 Den 10:' Augustus Jn de stad Cochim ik ook een goedvertrouwen hebbe om dat ik berigten van Porca en Calicoilan Erlange dat daer met de leverantie van peper werkelijk begonnen is; en twijffele niet of vho=t zal bij ondervinding zien dat hoe meer peper uho=t aan D'E: Comp: levert mij hoe meer ik zal laaten vinden om uho=t dat plaisier tedoen gelijk ik eens en ander„ maal betuijt hebbe tegens Balia sar„ wadicariacaren Patter oenij; en sar„ „wadicariacaren Coemara Poela, doe zij over eenigen tijd insgelijks met alle mo„ „gelijke nadruk omtrend het articul van de tabak, onderhielden verleede week heeft de paljetter mij voor de laatste maal daer over komen spreeken, dog moest om de wille van zijn verjaarfeest weeder na chenotta gaen zoo dra hij weeder komt sullen wij nog eens over dat selfde onder„ werp spreeken in hoop dat ik vho=t als dan mijn Jntentie en voorneemen zal kunnen laaten weeten en hij daer toe in persoon bij uho=t komen zal om vhot A„o 1772:

NL-HaNA_1.04.02_10401_0268 view scan ↗

English

The 10th of August in the city of Cochim Ao 1772. to communicate my opinion further to Your Honour, all the more because upon his return from Chenotta I shall also be able to have further news as to how much pepper Your Highness will have delivered for this supply, so that the good success now depends on Your Highness yourself. Your Highness was also pleased to mention that some of my subordinates here and there buy slaves in an improper manner. I can assure Your Highness that I have given strict orders that no one may buy slaves unless the lawful status of the sale is properly proven, in order thus to be certain that the seller has the right of sale, just as this week unpermitted slave traffickers will be publicly executed on the scaffold. Ananda Mallen has also orally informed me on behalf of Your Highness that the Cochim farmer of revenue at Coilan is demanding new duties that were never demanded there, whereof Your Highness's merchants are said to have complained. As soon as Ananda Mallen communicated the aforementioned to me on behalf of Your Highness, I immediately had an investigation made into the matter, and shall have this carried out further. May Your Highness be assured that, according to the findings of the matter, I shall issue the necessary orders regarding it. Ananda Mallen also told me on behalf of Your Highness that the Chief of Coilan is making fortifications and batteries outside the fort. I shall therefore also order an investigation into this. However, I can provisionally assure Your Highness that these are frivolous and untrue fabrications. For when I came from Ceylon and had to call at Coilan, I inspected the fortress of Coilan along with its environs, and came to know the Chief, through which I know that that man, being a good-natured yet at the same time industrious person, has here and there outside the fort laid out footpaths and sitting places for strollers, and similar blameless pastimes; nothing is being done there that resembles batteries or fortifications, and I also cannot understand who has been so shameless as to make such a false report to Your Highness about these trifles. The Chief of Coilan has had kapok stones quarried on rocky ground. Now I have received news that Your Highness's servants, under the pretext that the owners of those rocky grounds are either not satisfied or not inclined thereto, have prevented the stonecutters in that work, and had the audacity to take away the tools from the stonecutters with threats and ill-treatment. These are truly doings that I will not tolerate, but at the same time cannot well understand, because someone who has kapok stone ground in his garden will gladly see that the same is quarried out and thereby made suitable for planting fruit-bearing trees. And thus I have had to believe that Your Highness's ministers have done this again on their own authority and merely to vex the Chief. And that things which could have evil consequences are currently going on near Coilan by Your Highness's ministers, I must firmly believe, as I have received reliable news from Coilan that the Mocquas who enjoy the Company's protection are being mistreated by Your Highness's servants; that a certain resident of ours named Emanuel, who purchased a slave in a lawful manner, was first treated very inhumanly by Your Highness's servant there, and was thereafter treated even much worse with taunts and abusive words to the prejudice of the Chief of Coilan, NB: after the Chief gave notice thereof to Your Highness and Your Highness was requested to release that innocent Christian; and that this occurred solely out of malice because that slave was not surrendered for a much lower price to a good friend of Your Highness's minister there. We have agreed with one another to tell each other the truth in friendliness without mincing words. It is well known that Your Highness is very devout in matters of Your Highness's religion, permits no injustices, and maintains such strict discipline that neither higher nor lower servants dare or are able to do anything without Your Highness's knowledge. Thus I ask, with my usual frankness, how is it possible then that such things can happen? It is truly fortunate that the Chief of Coilan is such a good-natured and tolerant man. What would have happened if he, as Chief of such a considerable fortress, had detached his soldiers to take that unfortunate Emanuel out of the hands of Your Highness's unjust minister and had sent that minister to Your Highness to receive punishment? Whose fault would that have been: my minister at Coilan or Your Highness's minister? But the Chief had the good nature not to resort to reprisals, but sent to me copies of the letters exchanged between Your Highness and him, and thus to give direct notice of that incident, and first to have that matter investigated further by two commissioners whom I am sending today expressly to Coilan for that purpose, in the presence of Your Highness's Agent Ananda Mallen, so that I may take my measures accordingly with peace of mind and certainty, and Your Highness may not accuse me of giving too much credence to private persons.

Dutch transcription

Den 10: Augustus jn de stad Cochim vEd=r mijne meninge nader te bedeelen te meer ik bij zijn terug komste van Chenotta dan ook nader tijding zal kun„ nen hebben; hoe veel peper vho=t voor dese leverantie zal laaten leveren zoo dat 't goed succes nu van vho=t selfs afhangt, vho=t geliefd ook temelden dat sommige mijner onderhoorige hier en daer op een onbehoorlijke wijse slaven koopt, jk aan uho=t verzeekeren dat ik strikt ordre gesteld hebbe dat niemand slaven koopen mag of deslaat„ „baarheijd moet behoorlijk beweesen worden, om dus verzeekert te zijn dat de verkoper regt van verkoopinge heeft gelijk dan ook deese week onge„ „permitteerde slaven vervoerdert publick op het schavot zullen te regt gesteld worden Ananda Mallen heeft mij ook van weegens vHoogh=t mon„ deling tekennen gegeven dat de Cochimse pagter te coilan nieuwe geregtigheeden invordert die daar nooit gevordert A„o 1772: 245 Den 10: Augustus jn de stad Cochim Ao 1772. gevordert zijn, waar over uho=ts kooplieden zullen geklaagt hebben; zoo dra Ananda Mallen mij het voorschreeven van weegens uho=t bedeelt heeft, hebbe daer omtrend ten eersten ondersoek laaten doen, en zal zulx nog nader laaten doen uho=t ge„ „lieve verzeekert te zijn dat ik na bevind van zaaken de nodige de nodige ordre daar omtrend stellen zal. Ananda Mallen heeft mij ook uijt vho:t naem gesegt dat 't Coilangs opper„ „hoofd buijten 't fort strektens en Batterij„ en maakt dus zal ik derweegens ook onderzoek laaten doen, dog ik kan uho=t bij profisiel verseekeren dat dit beu„ „selagtige en onwaare uyt stprooijsels zijn want toen ik van Eijlon quam en Coilan= moest aan doen hebbe ik de fortres Coi„ „lang nevens dies en vinons beschout en 't opperhoofd leeken kennen waar door ik weet dat die man een goed„ aardig man, dog teffens een werk saem mens zijnde buijten het fort hier en daer Den 10: Augustus Jn de stad Cochim ƒo17 daer wandel weegen en sit plaatse voor de wandelders appropieerd; en dier „gelijke onbesprookene lief hebberijen meer daer word niets gedaen dat na batterijen of sterktens gelijk en ik kan ook niet begrijpen wie zoo onbeschaamt is geweest, om van die geringheeden vho=t sulke verkeerde rapport te doen. Het opperhoofd van Coilan heeft kapok steenen laaten kappen op stee„ „nagtige gronden nu hebbe ik Tijding gekreegen, dat vho=t bediendens onder pretext dat de eijgenaars van die steen gronden of niet gecontenteerd of daar toe niet geneegen zijn de steen kappers in dat werk souden belet ende assurantie gebruijkt hebben de steen kappers met drijgementen en quaade bejegeningen de Jnstru„ „menten afteneemen het geen waer„ „lijk gedoentens zijn die ik niet ge„ „doogen, dog ook teffens niet wel be„ grijpen A Ao 1772: 247 Den 10: Augustus jn de stad Cochim A„o 1772: grijpen kan om dat iemand die kapok steenen gronden in zijn thuijn heeft gaarne zien zal dat deselve uijtgekopt en daar door, tot het aanplanten van vrugt dragende boomen bequam gemaakt worden en dus hebbe ik moeten gelooven dat vEo=t ministers op hun eijgen houtje en om 't opperhoofd maer te plagen dit weeder ge„ „daen hebben. En dat er thans aan de kant van Coilan door uho=t ministers dingen omgaan die van quaade gevolgen soude kunnen worden, moet ik vast gelooven dat ik hebbe van Coilan vaste tijdinge gekreegen dat de mocquas„ „sen die sComp: protectie hebben door vho=ts bediendens mishandelt worden dat een zeeker inwoonder van ons met name Emanuel die op een wettige wijse een slaap gekogt heeft door uho=ts bediende al„ „daer eerst zeer onmenschelijk behandelt en daar na nog vrij en erger getracteerd is met schimpen scheld woorden in pre„ Juditie van het opperhoofd van coilan NB. Den 10: Augustus jn de stad Cochim A„o 1772: NB: na dat het opperhoofd uho=ts daer van kennis gegeven en uho=t gelast word, om dien onschildige Christenen te largeeren om dat zulx alleen is geschied uijt nijdigheijd om dat die slaaf niet voor„ een vrij minder prijs aan een goed vriend van uho=ts minister aldaer overge„ „laaten wierd. wij zijn met malkander afgesprook om elkander in vriendelijkheijd de waer„ „heijd te zeggen zonder doekjes daerom tevinden. Het is bekent dat uhog=t in 't stuk van uho=ts godsdienst zeer devoot is geen onregtveerdigheeden toelaat en zoo eene strikte dicipline hout, dat hogere nog lager bediendens iets buijten uho=ts voorkennis durven of kunnen doen dus vraage na mijne gewoone rondborstigheijd, hoe is het mogelijk dat zulke dingen dan gebeuren kunnen het is waarlijk goed dat het Coilans opperhoofd zoo een goedaardig en ver„ draagsaam 249 Den 10: Augustus jn de stad Cochim draagsaam man is, wat soude het zijn in„ „dien hij als opperhoofd van zoo een aansien„ „lijke vestinge eens zijn militie gedetracheerd had om dien ongelukkigen Emanuel uijt de handen van uho=t onregtveerdige minister wegteneemen en dien minu„ „ters aan uhd=t toegesonden ter erlanging van straff wiens schuld zoude zulx ge„ weest zijn mijn minister op Coilan of uho=t minister dog 't opperhoofd heeft de goedaardigheijd gehad; geen represaille tegebruijken, maer mij toegesonden, Copias aan de gewisselde brieven tusschen uho=t en hem en dus is dat geval nu direct kennisse tegeven en die zaak door twee gecommitteerdens die ik daer toe heeden Expres na Coilan zende, ten bijweesen van uho=ts Agent Ananda Mallen eerst nader te doen ondersoeken op dat ik met gerustheijd en zekerheijd mijne maat regulen daar na neemen kan; en uho=t mij niet zoude kunnen na„ „geeven dat ik te veel geloofd sla aan particuliere e A 1772

NL-HaNA_1.04.02_10401_0274 view scan ↗

English

The 10th of August In the city of Cochim private reports, all the more because we requested and promised each other to give notice if any improper incidents should occur. Meanwhile, I regret very much that not only do such scandalous things exist which only give rise to difficulties and unwelcome consequences, but I regret most of all that this has occurred precisely at a time when I was devising means with so much goodwill to do Your Highness some pleasure regarding the article of tobacco. There, dear King, I have once again, according to my custom, written frankly offhand without any reservation, just as it lies upon my heart. Therefore, I request that Your Honour please take this to heart and let Your Highness's servants who acted without Your Highness's orders be punished as an example to others, just as I have done from time to time with persons whom I knew had given Your Honour displeasure, as nothing will be more pleasant to me than to live in constant harmony with Your Highness, toward which I will contribute everything on my part that is in my power; may God preserve Your Honour. Was written below: Thus translated by me into Malabar. Cochim, date as above. Was signed: S: v: Jongeren, Sworn Translator. To the King of the Zamorin, His Right Honourable has written the following draft regarding the matter of the imprisoned Moor Midien: Draft palm-leaf letter written by the Right Honourable Lord Commander Adriaan Moens to the King of the Zamorin, written the 10th of August 1772. Anno 1772. The 10th of August in the city of Cochim Under cover of Isaak Surion, I have received Your Highness's palm-leaf letter in reply to a copy of the first palm-leaf letter that I had written to Your Highness, but which had not been received by Your Highness. I thank Your Honour for the kind compliment regarding my administration on this coast, and it will be a pleasure for me to do Your Highness a service in case of possibility. This morning I further received Your Highness's palm-leaf letter regarding the imprisoned Moor Midien, who has been condemned to punishment by the Council of Justice of this city; whom I, as a subject of Your Highness, wished to hand over to Your Honour in preservation of the friendship to be punished by Your Highness, and therefore wrote to Your Honour and requested to send someone in order to collect him. But now Your Highness pleases to reply that Your Highness expects to hear from us that Midin has received his punishment; therefore, I request that Your Highness please write to me clearly whether I shall have the imprisoned Moor Midien punished here myself, or whether Your Highness will send people to collect him here, or else that I shall send him to Your Highness to receive his punishment from Your Honour; upon which I further await a speedy reply; may God preserve Your Honour. Was written below: Thus translated by me into Malabar. Cochim, date as above. Was signed: S: v: Jongeren, Sworn Translator. The 10th of August In the city of Cochim The 14th of the same, Friday, His Right Honourable received a letter from the English Chief at Tellicherry, Mr Boddam, speaking of the Nawab Hyder Ali Khan and the said Muhammad Ali, as appears below: Translation of a Portuguese letter written by the English Chief of Tellicherry, Mr Boddam, to the Right Honourable Lord Commander Adriaan Moens, received the 14th of August 1772. The 14th of August in the city of Cochim Anno 1772. It is three days ago that I had the honour to receive Your Right Honourable's letter of the 13th of July, with the enclosed newspapers, for which I am very much obliged to Your Right Honourable; and I am even more satisfied because I received the notice of Your Right Honourable's good health. It is the truth that there is a report circulating here that Hyder Ali Khan has made peace with the Marathas; I cannot state this for the truth, and I do not know whether the Maratha has retreated with his army back to his districts; the report from Madras is that the Nawab Muhammad Ali Khan has taken the lands of the Marawars. If Your Honour has garden seed that has come this year from the Cape or Europe, Your Right Honourable will greatly oblige me by sending a little of the same; I remain ready to be of service to Your Right Honourable in everything. I request to present my respects to Your Right Honourable's whole family; I remain, was written below, Your Right Honourable's humble servant, was signed: R: H: Boddam. In the margin: Tellicherry, the 7th of August 1772. The 18th of the same, Tuesday, His Right Honourable received a palm-leaf letter from the King of the Zamorin regarding the imprisoned Moor Midien, reading as follows: Translation of a palm-leaf letter written by the King of the Zamorin to the Right Honourable Lord Commander Adriaan Moens, received the 18th of August 1772. We have received Your Right Honourable's palm-leaf letter, read it, and understood the contents. Regarding the Moor Midien, who has been condemned to punishment by the Council of Justice, Your Right Honourable wished to hand him over to us as a subject of ours to be punished by us, for which reason we should clearly write whether Your Right Honourable Anno 1772. the

Dutch transcription

Den 10: Augustus Jn de stad Cochim particuliere berigte temeer wij elkan„ „der verzogt en beloofd hebben, wanneer eenige onbehoorlijkheeden mogten passeeren elkander daar van kennisse te geeven. Jntusschen spijt het mij zeer dat niet alleen zulke ergerlijke dingen Cixteeren die maar aanlijdinge tot moeijelijk„ „heeden, en ongaarne gevolgen geeven maar het spijt mij nog allermeest dat zulx juijst voorgevallen is in een tijd waar ik ik met zoo veel welmee„ „nentheijd middelen uijttedenken om uho=t omtrend het articul van de tabak eenige zinds plaijsier te doen. ziedaar waarde koning nu hebben ik weder na mijne gewoonte open„ hartig zonder eenige agterhoudinge voor de vuijst weg geschreeven zoo als het op mijn hart legt Dus verzoeke dat uEd=t dit een en ander gelieve ter herte teneemen en hoogh=ts be„ „diendens die buijten uho=ts order tewerk gegaen zijn 251 Den 10: Augustus Jn destad Cochim zijn tot een Excempel van andere telaaten straffen gelijk ik ook aleens en andermael gedaen hebbe omtrend persoonen die ik wist dat uEd=t ongenoegen gegeven hebbe, alzo mij iets aangenamer zal zijn als met uho=t in eenige bestendige harmonie teleeven, en weer toe ik aan mijne zijde alles zal contribueeren wat in mijn ver„ „moogen is; god bewaare uhd=t /onderstond/ zodanig door mij in het mallabaars overge„ „set. / Cochim dato als boven /was gete:/ S: v: Jongeren geswoore Translateur. Aan den koning van sammorijn heeft zijn wel Edele Agtb: over het Chapiter van den gevangen Moor Midien het volgende Concept geschreeven Concept ola door den wel Edele Agtb: heer Com„ „mandeur Adriaan Moens; aan den koning sammorijn geschreeven den 10: Augustus 1772: onder Ao 1772. aen Den 10: Augustus in de stad Cochim onder adresse van Isaak Surion hebbe uho=ts ola ontvangen in antwoord van een Copia van de eerste ola die ik aan uho=t geschreeven hat dog welke bij uho=t niet ontvangen is. „bedanke, Ik beken uEd. voor het vriendelijk Compliment nopens mijn bestier ter deser kuste en het zal mij lief zijn uho=t in cas van mogelijkheijd plaisier te doen Heeden morgen hebbe nader ontvangen uholt ola wegens den gevangen Moor Midien, die door den Raad van Justietie deser steede ter straffe Gecondemneerd is; den welken ik als een onderdaen van uho=t is tot conservatie van de vriendschap aan uE=t willen overgeeven om door uho=t afge„ straft tewerden, en daarom aan uEd= geschreeven en versogt om iemand te zenden ten eijnde den selven aftehaalen dog nu gelieft uho=t te antwoorden dat uho=t van ons verwagt te ver„ staen dat Midin zijn straffe bekomen heeft, dierhalven versoeken dat uho=t mij A„o 1772: 253 Ao 1712: Dr mij duijdelijk gelieve teschrijven of ik den gevangen Moor Midien alhier selfs zal laaten afstraffen of dat uho=t volk zal zenden, om hem hier aftehaalen; of ik wel dat ik hem aan uho=t toesenden zal, om sijn straffe van uhd=ts te ontvangen s waer op nader een spoedig antwoord verwagte; god bewaare uEd= /:onderstond:/ zodanig door mij in 't Mallabaars overge„ „zet Cochim dato als boven /was get: S: v: Jongeren Geswoore Translateur Den 10: Augustus Jn de stad Cochim 14: D=o Vrijdag ontving zijn wel Edele Agtb: een briev van 't Engels opperhoofd tot Jalli„ „cherij M=r Boddam, spreekende van den Nabab Ader Alichan en dito Mahamet Alij, als hier onder blijkt Translaat Portugeese briev door 't Engels opperhoofd van sallicherij M=r Boddan gesz aan den wel Edele agtb: heer Commandeur Adriaan Moens, ontv: den 14: aug=s 1772: T. Cochim Den 14: Augustus jn de stad Ao 172: 'T is drie daagen geleeden dat ik de eere heb gehad te ontvangen uwel Edele Agtb: briev; van den 13: Julij, met de g'incluseerde nieuws papieren, waer voor ik uwel Edele Agtb: seer verpligt ben; en ik ben nog meer voldaen om dat ik de Nototie van uwel Edele Agtb: goede gesondheijd bekomen heb„ Het is dewaarheijd dat alhier notitie loopt dat Ader Alichan de vreede zoude gemak hebben, met de Marattas, ik kan zulx voor de waarheijd niet zeggen en ik wet niet of de Maratta met zijn leeger weeder naer zijn districten terug getrocken is; de notitie van Madrast is dat den Nabab Mahomet Alichan, de landen van de Marrawassen ingenomen heeft zoo uwel Edele thuijn zaat heeft dat van dit Jaar van de caap of Europa ge„ „komen is; zal uwel Edele Agtb: mij seer verpligten, met een weijnig van het selve tesenden; jk blijve bereijd om uwel Edele agtb: in alles dienst te doen Jk versoeke mij Respect te presenteeren aan uwel Edele Agtb: 255 Den 14: Augustus jn de stad Cochim g„o Agtb: gantsche familie blijve /onderstond/ uwelEdele Agtb: ootmoedigen Dienaer /was get:/ R: M: Boddam /in margine sallicherij den 7: aug=s 1742: 18: d=o Dingsdag ontving zijn wel Edele Agtb: een ola van den koning sammorijn wegens den gevangen Moor Midien luijdende als volgt Translaat ola door den koning van Sammorijn gesz Aan den wel Edele agtb: heer Commandeur Adriaen Moens ontv: den 18: aug=s 1772: uwel Edele Agtb: ola hebben wij ontvangen geleesen en den Jnhoud verstaen den Moor Midien die door den raad van Jus„ „tie ter straffe gecondemneerd is heeft uwel Edele Agtb: als een onderdaen van ons den„ „selven aan ons willen overgeeven om door ons gestraft tewerden waarom wij duijde„ „lijk soude schrijven of uwel Edele agtb: Ao 1772: den

NL-HaNA_1.04.02_10401_0280 view scan ↗

English

Anno 1772 31 Ditto The 10 August in the city of Cochim whether the captured Moor should be punished there itself, or whether we should send people to fetch him, or even whether your Right Honourable Worship would send him to us to receive his punishment from us. We have already written to your Right Honourable Worship that, for the preservation of the friendship with the Honourable Company, the said Moor Midien should be punished there itself; therefore we request your Right Honourable Worship to have the said Moor Midien punished there itself according to the sentence of the Council of Justice, as we fully consent to his receiving his punishment there, for there is directly not the least difficulty in this; concerning the maintenance of the friendship between us and the Honourable Company, no failure shall be found on our part. Signed by His Highness. Underneath stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. v. Jongeren, sworn translator. Monday before noon, the same van 257 The 31 August in the city of Cochim van Jongeren received an ola from the Regidor of Mangattij, concerning the Moor Alina, who had received some money from the Jew Daniel Cohen upon the delivery of beams, and also concerning the unwillingness of the Christians to pay the King's duties, as is stated below. Translation of the ola written by the Regidor of Mangattij to the chief interpreter van Jongeren, received the 31 August 1772: I have received your ola, read it, and understood its contents. The Moor Alina, who received some money from Daniel Cohen on the trade beams, has departed for Porca, about which matter the Paliyath Achan has also written me an ola. I have sent people to fetch him, and as soon as he arrives here, I shall send him with my people to the city. The Christians who must pay the King's duties are unwilling to do so, Anno 1772 The 31 August in the city of Cochim unwilling, and moreover they do not shrink from having cattle slaughtered. Some of those Christians have paid the duties, but they are stubborn and unwilling. I have written an ola about this and requested that the Right Honourable Lord Commander might be pleased to issue the necessary orders in this regard. I shall send the Moor Alina with my people to Cochim as soon as he has arrived here. Signed by the Regidor. Underneath stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: C. v. Jongeren, sworn translator. Ditto, 5 September, Saturday, the chief interpreter van Jongeren received an ola from the Sarvadhikari of Mangattij, containing complaints regarding the unwillingness of a portion of the Christians to pay the King's duties on gardens and lands, as well as the violation of arrests and the slaughtering of cattle, to be read more fully below in the translation. Anno 1772 Translation 259 The 5 September in the city of Cochim Translation of the ola written by the Sarvadhikari of Mangattij to the chief interpreter van Jongeren, received the 5 September 1772: Since the Christians residing at Aroe in Mangattij are partly unwilling to pay the duties on their gardens and lands, and furthermore use the audacity to seize cattle, violating the arrests, while uttering insolent words, I have previously written about this and requested that they be constrained thereto, but up to now have found no redress therein. I cannot refrain from punishing those who are guilty of the crime of slaughtering cattle; if it should happen to occur once, it would be a done deed for which no recovery could be sought. Therefore, I thought it proper to send your Honour this forewarning, with the request that your Honour might be pleased to make this matter known to the Right Honourable Lord Commander Anno 1772 The 5 September in the city of Cochim Commander and arrange that the Christians come to pay the duties, and that they may henceforth refrain from the slaughtering of cattle, upon which I await a speedy reply; and failing that, I shall have to put my intentions into execution. Signed by the Sarvadhikari. Underneath stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. v. Jongeren, sworn translator. Ditto Monday, van Jongeren wrote by order of His Right Honourable Worship a reply to the aforementioned Sarvadhikari of Mangattij, with a recommendation to provide the names of the unwilling Christians, as well as those who had seized and slaughtered the cattle, together with the witnesses who had seen such, as can be read in further detail in the draft here. Draft ola written by order of the Right Honourable Lord Commander Adriaan Anno 1772 7 261 Adriaan Moens by the chief interpreter van Jongeren to the Sarvadhikari of Mongattij, written the 7 September Anno 1772. I have received your ola, translated it, and shown it to my superior, the Right Honourable Lord Commander, whereupon His Right Honourable Worship ordered me to answer your Honour that His Right Honourable Worship would gladly see your Honour provide the names of the Christians who were unwilling to pay the duties and who had spoken insolent words, as well as those who had seized and slaughtered the cattle, together with the witnesses who had seen such, upon which His Right Honourable Worship would not fail to issue the necessary orders against them, consistent with justice and fairness. God preserve your Honour. Underneath stood: Thus translated by me into Malayalam, Cochim, date as above. Was signed: S. v. Jongeren, sworn translator. The 7 September in the city of Cochim The Anno 1772

Dutch transcription

A„o 1772: 31: D=o Den 10: Augustus jn de stad Cochim den gevangen Moor Aldaar selfs zoude laaten afstraffen of dat wij volk soude sende om hem aftehaalen of ook wel dat uwel Edele Agtb: aan ons toesenden soude om zijn straffe van ons te ontvange wij hebben reeds aan uwel Edele Agtb: geschreeven dat tot conservatie van de vriendschap met D'E. Comp: gem: Mon Midien aldaar selfs telaaten straffen derhalven versoeken wij uwel Edele Agtb gem: Moor Midien volgens de sententie van den Raad van Justitie aldaer selfs te laaten afstraffen also wij volkomen can „senteeren dat hij zijn straffe aldaar erlang mag want daar streeks geen deminste swarigheijd in omtrend 't onderhouden van de vriendschap tussen ons en d'E: Comp zal aan onse kant geen manqunio werden gevonden get: bij zijn ho=t /onder„ stond:/ voor de franslatie Cochim dato als boven /was get:/ S: v: Jongeaen gesw: Jranslateur. Maandag voor de middag ontving Do van 257 Den 31: Augustus jn de stad Cochim van Jongeren een ola van Ragiadoor van Mangattij, over den Moor Alina die op leverantie van balken eenige geld ontvangen had van den Jood Daniel cohen en ook over den onwilligheijd der Christenen in de betaaling van 's konings geregtigheijd als hier onder consteerd. Translaat ola door den Ragiadoor van mangattij geschreeven aan den oppertolk van Jongeden ontvangen den 31: Augustus 1772: VE: ola heb ik ontvangen geleesen en dies Jnhout verstaen den moor Alina die op de Negotie balken eenig geld van Daniel cochen genooten heeft is naer Porca vertroc„ „ken over welke zaak heeft den paljetter mij ook een ola geschreeven ik heb volk ge„ „sonden om hem te haalen, en zoo dra hij hier komt, zal ik hem met mijn volk na de stad senden de Christenen die 's konings geregtigheijd moeten opbrengen, zijn daer toe onwillig A„o 1: 172: Den 31: Augustus jn de stad Cochim onwillig en daer bij ontsien zij niet van koebeesten te laaten stagten, eenige van die Christen hebben de geregtigheijd betaeld, maer zijn koppig en onwillig ik heb daer over een ola geschreeven en verzogt dat den wel Edelen Agtb: Heer Commandeur dien aangaande de vereijschte ordre gelieve testellen, den Moor Alina zal ik met mijn volk na Cochim senden zoo dra hij alhier zal gekomen weesen getk: bij den Ragiadoor /onderstond:/ voor de franslatie Cochim dato als boven /was gete:/ C: v: Jongeren geswoore Translateur. D=o 5: 7ber Saturdag ontvang den oppertolk van Jongeren een ola van den sarwadicariacaren van Mangattij jnhoudende klagte weegens de onwilligheijd van een gedeelte der Christen in de betaaling van 's konings geregtig„ „heijd der thuijnen en Landerijen mitsgaders het violeeren van de arresten en het slagten der koebeesten breeder hier onder bij het Translaet te leesen. A„o 1772: Translaat 259 Den 5. September jn de stad Cochim Translaat ola door den sarivadecariacaren van Mangattij gescheeven aan den oppertolk van Jongeren ontvangen den 5: 7ber: 1772: Dewijl de Christenen woonagtig op Aroe op Mangattij gedeeltelijk onwillig zijn te be„ „taalen de geregtigheijd van hunne shuijnen en landerijen en daer en boven de stoutheijd gebruijken van koebeesten op tevalten veolee„ „rende de arresten, onder het voeren van brutales woorden heb ik bevoorens daer overge„ „schreeven en versogt deselve daar toe te cons„ „tringeeren dog hebben tot nog toe geen redres daer in gevonden ik kan niet nalaaten de geene testraffen die aan de misdaad van het slagten der koebeesten zig schuldig maken wanneer het eens quaam te geschie„ „den zoude het alleen gedane zaak wesen „verhal„ daer geen „ op te zoeken zoude zijn, daerom heb ik goed gedagt vE: die preatvertentie tesenden met verzoek dat VE: deselven zaak aan den wel Edele Agtb heer Commanda Ao 1772. Den 5: September jn de stad Cochim Commandeur gelieve bekent temaken en tebesorgen dat de Christenen die gereg„ „tigheijd komen te betaalen en dat zij zig voortaan mogten voor het slagten der koebeesten waar op ik een spoedig ant„ woord verwagte en bij manqument van dien zal ik mijn zoeken moeten ter uijtvoering brengen gete: bij den sar„ „wadicariacaren /onderstond:/ voor de Translatie Cochim dato als boven /was getver:/ S: v: Jongeren gesw: Translateur. d=r Maandag scheeff van Jongeren ter ordre van zijn wel Edele agtb: een antwoord aan voorm: sarwadicariacaren van Mangattij, met Recommandatie de name van de onwillige Christenen op tegeeven, mits„ „gaders de geene die de koebeesten hadden opgevat en geslagt met ende beneevens de getuijgens die zulx gesien hadden als hier nader bij het concept kan geeleesen werden Concept ola ter ordre van den wel Edele Agtb: heer Commandeu Adriaan A„o 1772: 7. 261 Adriaan Moens door den oppertolk van Jongeren aan den sarwadicariacaren van Mongattij geschreeven den 7: September Ao 1772 Ik heb vE. ola ontvangen overgesit en aan mijn oppergebieder den wel Edelen Agtb: heer Commandeur verthoond waar op zijn wel Edele Agtb: mijn g'ordonneerd had vE: te ant„ „woorden, dat zijn wel Edele Agtb: gaarn zag vE: denaemen wilde opgeeven van de Christenen die onwillig waaren de geregtigheeden op tebrengen en die bru„ „taale woorden hadden gesprooken mitsgaders de geene die de koebeesten hadden opgevat en geslagt met ende bene„ „vens de getuijgens die zulx gesien had„ „den wanneer zijn wel Edele Agtb: niet manqueeren zoude daer tegens de nodige ordres te stellen overeenkomende met het regt ende billijkheijd god bewaar VE: /:onderstond:/ zodanig door mij in het Mal„ „labaars overgeset Cochim dato als boven was get: / S: v: Jongeren Geswoore Translateur Den 7: September jn de stad Cochim Den Ao 1772

NL-HaNA_1.04.02_10401_0286 view scan ↗

English

The 8th of September in the city of Cochim Tuesday before noon His Right Honorable received a Portuguese letter from the Jew Isaak Surion speaking about the unwillingness of the queen and the fourth prince of the sammorijn in the cession of the lands that stand mortgaged to the Company; item that the king of the sammorijn is greatly inclined to live in good friendship with the Company, as can be read below in the translation. Translation of a Portuguese letter written by Isaak Surion to the Right Honorable Lord Commander Adriaan Moens, received the 8th of September 1772: I make known to Your Right Honorable that on the 21st current I arrived here at Calicoet, having been at Pananij with the king sammorijn for so long a time since I departed from cochim, which was the 21st of July passed. I have exerted my utmost to obtain the lands that stand mortgaged to the Honorable Company, but the old queen and the fourth prince are not inclined thereto; they were minded to send the money to the Honorable Company and redeem those lands, but I did not wish to involve myself therein. The king is greatly inclined to live in good friendship with the Honorable Company, and the second prince likewise. This is the intelligence that I can give to Your Right Honorable regarding the king sammorijn. His Highness lacks a capable Regidor who could guide him, and those who are there do not have the required capacities and are still young and inexperienced. There was a capable man named oenicheradij; he came to die on the 15th current. The intelligence that I can give Your Right Honorable regarding the Nabab is that the Marattas have retreated four miles away and have concluded peace for 60 lakh pagodas, of which 40 lakh are paid, and as soon as the remaining 20 lakh are paid, he shall entirely march off and the Nabab shall get relief. Other intelligence that I can give Your Right Honorable is that the French Company has flourished anew, through four gentlemen who have invested 27 million, and the head, the king, is the head of the Honorable Company. Of the Macao ships it is said that two are wintering at goa, 2 at Bombaij, though one is said to have perished, but I cannot say for the truth. These are the reports that circulate here. God preserve Your Right Honorable for long years. Was subscribed: Your Right Honorable's humble servant. Was signed: Isaak Surion. In the margin: Calicoet the 21st of August 1772. Below stood: for the translation, Cochim date as above, was signed: C: v: Jongeren, sworn translator. Ditto the 12th ditto, Saturday, His Right Honorable received an ola from the Palietath making known that some of his Mocqua slaves had fled from Baijpen, apparently to Barapolij to have themselves baptized, with the request to send orders to have the same conveyed to him, the translation reading as follows: Translation of an ola written by the Palietath to the Right Honorable Lord Commander Adriaan Moens, received the 12th of September 1772: A certain Mocqua named Macoda, residing at Baijpin, fled from there on the 9th current with his wife and children at midnight, taking with him all his means and cash. He is a brother of a headman of the Mocquas, and after the death of his brother I placed him in that post and also in possession of the estate of the deceased. That man has not lost his caste and was also not forced by poverty, nor have I imposed any burdens upon him. I think that he has gone to waarpolij to become a Christian, and to inquire about such I have written an ola to the bishop and sent the same with my people, and if they are there, my people shall come into the city to make such known to Your Right Honorable; then I request Your Right Honorable to send the aforementioned Mocqua, without having him baptized, in the company of my people, regarding which Your Right Honorable may be pleased to send the required order to the bishop. This Mocqua is a slave of mine; should he be at warapolij, I request Your Right Honorable to send someone to warapollij with the command and order to hand that man over to my people. When the slaves of anyone run away and the same are detained, it is very difficult, as Your Right Honorable can well understand. Therefore I request Your Right Honorable to send orders to warapolij to hand those slaves over to me. I have learned that his palegas and fishing nets are kept to the south by the headman of the fishermen, for which I have had an inquiry made, and when my people come to Your Right Honorable with that notice, may it please Your Right Honorable to send orders to collect those goods and hand them over to me. Signed by the Palietath. Below stood: for the translation, Cochim date as above. Was signed: C: v: Jongeren, sworn translator. Upon the receipt of that ola from the Palietath, His Right Honorable wrote the following letter in the Portuguese language to the Bishop of warapolij, as appears below: Draft of a Portuguese letter written by the Right Honorable Lord Commander Adriaan Moens to the Bishop of warapolij the 12th of September: Herewith a letter in Portuguese translation which I have received from the Palietath; I request that your Excellency may be pleased to comply with the request mentioned therein. Having meanwhile the honor, after first wishing God's blessing, to remain with high esteem. Below stood: for the translation, Cochim date as above. Was signed: C: v: Jongeren, sworn translator. The 15th ditto, Tuesday before noon, a Portuguese letter was received here from the Bishop of

Dutch transcription

Den 8: September jn de stad Cochim Dingsdag voor demiddag ontving zijn wel Edele Agtb: een Portugeese brief van den Jood Isaak Surion spreekende over de onwilligheijd van de koninginne en den vierden prins van den sammorijn in den afstand van de landerijen die bij de Comp: verpand staen jtem dat den koning van sammorijn grootelijks geneegen is om met de Comp: in goede vriendschap te leeven gelijk hier onder bij het translaat kan geleesen worde Translaat Portugeese briev door Isaak Surionge„ „schreeven aan den wel Edele agtb: heer Commandeur Adri„ „aan Moens ontvangen den 8: 7ber: 1772: Ik make uwel Edele Agtb: bekent dat ik op den 21: courand alhier op Calicoet bengar „riveerd op Pananij bij den koning sam„ morijn ben n zoo langen tijd geweest zeeder dat ik van cochim ben vertrocken dat gew Ao 1742 is ƒ 263 Den 8: zeptember Jn de stad. Cochim A:o 1772: is den 21: Julij passato ik heb mijn uijtterste best aangewend om de landerijen te krijgen die bij D'E. komp: verpand staen maer de oude koninginne en den vierden prins zijn daer toe niet toe g'inclineerd zij waaren van sints om het geld aan DE. Comp: tesenden en die landerijen in telossen maer ik heb mij daer mee„ „de niet willen inlaaten den koning is grootelijks geneegen om met DE. Comp: in goede vriendschap teleeven en den tweeden prins van 'sgelijks dit is de Notitie die ik van den koning sammorijn aan uwel Edele Agtb: geven kan zijn Hoogh=t manqueerd een bequaame Ragiadoor die hem zoude kunnen luijden en die daer zijn hebben de vereijschte Capaliteijten niet en zijn nog Jong en onbedreeven daer is eene bequaame man ge„ „weest met Name oenicheradij hij is op den 15: Courand komen te sterven De Den 8: September jn de stad Cochim A=o 1772: De Notitie die ik uwel Edele Agtb: geven kan van de Nabab is dat de Marattas geweeken is vier mijlen verre en heeft de vreede geslooten voor 60: lak pagooden waar van 40: lak betaald zijn, en zoo dra de resteeren„ de 20: lak betaald werden zal hij ten eenemaal de mars slaen en den Nabab de lugt krijgen. andere Notitie die ik uwel Edele Agtb: geven kan is dat de vranse Comp: andermaal is gefloreerd, door vier „heeren die ingelegt heeft 27: milioenen en het hoofd den koning is het hoofd van DE. Comp: van de Macause scheepen word gesegt dat er twee op goa zijn over „winterren 2: op Bombaij dog een zoude gebleeven zijn maar ik voor de waarheijd niet seggen dit zijn de Notitien die hier loopen god bewaard uwel Edele Agtb: lange Jaeren /onderstond:/ uwel Edele agtb: ootmoedigen Dienaar /was getver:/ Isaak Surion /in margine Calicoet den 265 Ao 1772: Den 8: September Jn: de stad Cochim Fto Den 21: augustus 1772: /lager /stond voor de franslatie Cochim dato als boven was get: C: v: Jongeren geswoore frans lateur. D=o 12: D=o saturdag ontving zijn wel Edele agtb: een ola van den Paljetter bekend makende dat eenige van zijne moequa„ „se slaven van Baijpen de vlugt genoomen hadden apparend na Barapolij om zig te laaten doopen met versoek ordres tesenden om deselve aan hem te doen transporteeren luijdende het Translaat als volgt. Translaat ola door den Paljetter geschreeven aan den wel Edelen Agtb: heer Commandeur Adriaan Moens ontvangen den 12: xber: 1772: zeeker mocqua met name Macoda woonagtig op Baijpin is op den 9: Cou„ „rant met zijn vrouw en kinderen in Den 12: september Jn de stad Cochim A„o 1772: in de midder nagt van daer gevlugt meede nemende alle zijne middelen en contanten hij is een broeder van een hoofd der Mocquassen en nade dood van zijn broeder heb ik hem in die bediening gesteld en ook in de besitting van de nalatenschap van den overleeden die man heeft zijn Casta niet verlooren, en is ook door aamoed niet gedwongen, nog dat ik hem eenige lasten heb opge„ „legt ik denk dat hij na waarpolij is gegaen om christen teworden en om zulx teverneemen heb ik een ola aan den bisschop geschreeven en deselve met mijn volk gesonden en zoo zij daer zijn zal mijn volk in de stad komen om uwel Edele Agtb: zulx bekend temaaken, als dan versoeke ik uwel Edele Agtb: den mocqua voorm: sonder te laaten doopen in geschelschap van mijn volk tesenden, waer omtrend uwelEd: Agtb: op 267 Ao 1778: Den 12: September Jn de stad Cochim Agtb: de vereijschte ordre aan den bisschop Gelieve tesenden, deesen moqua is een slaaf van mij zoo hij op warapolij mogt wee„ „sen versoeken uwel Edele agtb: iemand na warapollij tesenden; met lasten ordre die man aan mijn volk overtegeven wanneer deslaven van een ieder wegloopen en deselve aangehouden werdende; is het seer moeijelijk gelijk uwel Edele Agtb: sulx wel begrijpen kan derhalven versoe„ „ken uwel Edele agtb: ordre na warapo„ „lij tesenden om die slaven aan mij over tegeven jk heb verstaen, dat zijne Palegas en visnetten om de zuijd bij het hoofd der vissers bewaard zijn waer na ik ondersoek heb laaten doen, en wanneer mijn volk mijn met die notitie bij uwel Edele Agtb: komt gelieve uwel Edele Agtb: ordre tesenden om die goederen aftehaalen en mij overtegeeven get: bij den Zaljetter /:onderstond:/ voor de Jranslatie Cochim dato als boven /was getekend:/ C: v: Jongeren geswoore Translateur. op Den 12. September in de stad Cochim op den ontvangst van die ola van den Zaljetter schreef zijn wel Edele Agtb: de ondervolgende briev in de portugeese Jaale aan den Bisschop van warapolij als hier onder Consteerd Concept Portugeese briev door den wel Edele Agtb: Heer Commandeur Adriaan Moens aan den Bisschop van warapolij geschreeven den 12: 7ber: „brief in het Hier nevens een „ portugees vertaal die ik van den Paljetter ontvangen hebbe ik versoeke dat uwdoorlugtigen aan 't ver„ „soek daer bij verm: gelieve tevoldoen hebbe in middens d' eere na Eerstelijke toewensing van godes zeegen met hooge agting teverblijven /onderstond:/ voor de Translatie Cochim dato als boven /was getz:/ S: v: Jongeren gesw: Translateur. 15: D=o Dingsdag voor de middag wierd al„ „hier een portugeese briev van den Bisschop van Ao 1772:

NL-HaNA_1.04.02_10401_0293 view scan ↗

English

The 15th of September in the city of Cochin folio 177 brought from Warapolij, concerning the Mukkuvars of Baijpin who have converted to the Christian faith, the letter reading as follows. Translation of a Portuguese letter written by the bishop of Warapolij to the Right Honourable Lord Commander Adriaen Moens, received the 15th of September 1772: I request that Your Right Honourable please excuse me for not writing in my own hand due to my weak condition, and it is now 2 to 3 years ago that the fisherman Panaken Maliporotto was inclined to accept the Christian faith, and on the 12th of this month I made him a Christian through the water of baptism along with 9 to 10 persons; people of the Paliath Achan arrived here with an ola regarding that matter, and I sent him the customary reply, namely that our converting the heathens to Year 1772. 8 The 15th of September in the city of Cochin Year 1772: to Christian conversion is not something of recent days; may Your Right Honourable please place no faith in that prince, these people who have become Christians are neither vassals nor slaves of the Paliath Achan, they are lawful vassals of the Prince Blawelij who makes no complaint about it, the answer that I sent to the Paliath Achan Your Right Honourable shall learn from him, may God preserve Your Right Honourable for many years, I remain with all respect, at the bottom stood: Your Right Honourable's humble servant, was signed: Frei Florencio de Jesus, bishop of Areopolis, apostolic vicar of the mountains, in the margin: Varapolij the 14th of September 1772, lower for the translation: Cochin, date as above, was signed: S. v. Jongeren, sworn translator. The 16th of the same month, Wednesday, His Right Honourable received yet another ola from the Paliath Achan concerning the aforesaid Mukkuvars who have had themselves baptized at Varapolij, see 271 Year 1772. The 16th of September in the city of Cochin see the translation below Translation of an ola written by the Paliath Achan to the Right Honourable Lord Commander Adriaen Moens, received the 16th of December 1772: As soon as I heard that 12 of my slaves had gone to Varapolij to become Christians, I wrote to Your Right Honourable and gave notice thereof, whereupon I received an ola from the chief interpreter stating that Your Right Honourable had written a letter to the Bishop regarding that matter, I was very satisfied therewith; my slaves were not previously accustomed to run away without reason, nor that they were baptized in such a manner, may Your Right Honourable please take this matter to heart and apply all possible diligence to return the slaves to me again, when through The 16th of September in the city of Cochin Year 1772: through ignorance they convert to the Christian faith, and are surrendered again, I shall restore them again in their caste as has happened several times, it is a matter of great sorrow, therefore I request Your Right Honourable to cause the said slaves to be surrendered again, and if this matter is not settled immediately, the king nor the Regents shall have any vassals left, therefore I shall not cease writing of my heartache each time to Your Right Honourable with the request to cause those slaves to be surrendered to me again, signed by the Paliath Achan, at the bottom stood: for the translation: Cochin, date as above, was signed: S. v. Jongeren, sworn translator. The 18th of the same month, Friday, by order of His Right Honourable, an ola was sent to the Paliath Achan concerning his complaint regarding the fishermen who had had themselves baptized at Varapolij, with 273 The 18th of September in the city of Cochin Year 1772: with the promise that His Right Honourable would take such measures against it as were deemed necessary to remove the displeasure of the Regents of the country as soon as the Paliath Achan should have come hither in person, see the draft below Draft of an ola written by order of the Right Honourable Lord Commander Adriaen Moens by the chief interpreter Van Jongeren to the Paliath Achan on the 18th of September 1772. My superior ruler, the Right Honourable Lord Commander, upon the receipt of Your Honour's first ola, by which communication was made regarding the desertion of a certain fisherman named Macoda residing at Baijpin and how he was said to have become a Christian at Varapolij with his wife and children, immediately wrote a letter to the Bishop, The 18th of September in the city of Cochin writing while sending along the translation of Your Honour's ola, to which the Bishop served His Right Honourable as answer that the fisherman Panaken Malliporotto, having already been inclined for 2 to 3 years to accept the Christian faith, the said Bishop on the 12th of this month made him, the fisherman, a Christian along with 9 to 10 persons, that thereupon Your Honour's people were said to have arrived with an ola to reclaim those people, to which the Bishop was said to have sent Your Honour the customary reply, namely that they convert the heathens to Christianity not of recent days but always, and since it is a done deed, His Right Honourable shall take such measures against it as shall be deemed necessary to remove the displeasure of the Regents of the country in the subject case as soon as Your Honour shall have come hither in person, God preserve Your Honour, at the bottom stood: thus by Year 1772:

Dutch transcription

269 Den 15. Zeptember jn de stad Cochim fo 177 van warapolij aan gebragt, Conserneeren„ „de de Moquassen van Baijpin die tot het Christen geloof zijn overgegaen luijdende „de briev aldus. Translaat Portugees briev door den bisschop van warapolij geschreeven aan den wel Edele Agtb: Heer Commandeur Adriaen Moens ontvangen den 15: 7ber: 172: Ik versoeke dat uwel Edele Agtb: mij gelieve te verexcuseeren dat ik door mij„ „ne swacke gesteldheijd eijgenhandig niet en schrijve en 't is nu 2: â 3: Jaaren geleeden dat den visserLanaken Maliporotto gene„ gen is geweest het de christen geloov aante„ „nemen en op den 12: deser heb ik hem met 9: â 10: persoonen Christen gemaekt door het water des doops; hier is volk van den zaljitter met een ola over die zaak geko„ „men en ik heb hem het ordinair antwoord toegesonden teweeten dat wij deheijdenen tot Ao 1772. 8 Den 15. September Jn de stad Cochim Ao 1772: tot Christen bekeeren niet van heeden „daags uwel Edele Agtb: gelieve aan dien prins geen geloofte slaen dese menschen die Christen geworden zijn, zijn geen rassalen nog slaven van den paljetter zij zijn wet„ „tige vassalen van den Prins Blawelij die daer geen klagte over doet het antwoord dat ik aan den zaljetter gesonden heb zal uwelEdele agtb: van hem teweeten krijgen god bewaard uwel Edele Agtb: lange Jaaren ik blijve met alle Eerbied /:onderstond:/ uwel Edele Agtb: ootmoe„ „digen Dienaer /was get:/ Tre florencio de Jezus beschop van auriopele apostoli„ „cose vicarius van het gebergte /in maagine:/ varapolij den 14: 7ber: 1772: lager voor de franslatie Cochim dato als boven /:was get:/ S: v: Jongeren Geswoore Translateur. D=l 16: p=s woensdag ontving zijn wel Edele Agtb: alweeder een ola van den Paljet„ „ter over de beweste moquassen die zig tot varapolij hebben laaten doopen vide 271 Ao 1772. Den 16: September Jn de stad Cochim vide het franslaat hier beneeden Translaat ola door den Paljetter geschreeven aan den wel Edele Agtb: Heer Commandeur Adriaen Moens ontvangen den 16: xber: 1772: zoo haast ik hoorde dat 12: stux van mijne slaven na varapolij gegaen waren om christen teworden heb ik aan uwel Edele Agtb: geschreeven en daar kennisse van gegeven waer op ik een ola van den oppertolk heb ontvangen jnhoudende dat uwel Edele Agtb: over die materie een brief aan den Bisschop had. geschreeven is was daar over zeer voldaen mijne slaven plagten voor deesen sonder reeden niet weg teloopen nog dat zij op die wijse zijn gedoopt geworden uwel Edele Agtb: ge„ „lieve dese zaak ter herte teneemen en alle mogelijke vlijd aantewenden om zlaven aan mij weeder tebesorgen, wanneer door Den 16: September jn de stad Cochim A„o 1772: door onwetentheijd deselve tot choesten ge„ loof overgaen, en wederom aan overgege „ven werd zal ik deselve in hunne Cassa wederom herstellen gelijk meermaalen geschied is 't is een zaak van groote droefheijd dierhalven versoeke uwel Edele Agtb: gem: slaven wederom aan te doen over „geven en wanneer dese zaak ten eersten niet afgedaen werd zal den koning no de Regenten geen vassalen meer hebben overzulx zal ik niet ophouden van mijne herten leed telkens aan uwel Edele Agtb: teschrijven met versoek die slaven wederom aan mij tedoen over „geven getj:/ bij den Paljetter /onderstond voor de Translatie Cochim dato als boven /was gete:/ S: v: Jongeren getw Translateur. 18: d=o Vrijdag is ter ordre van zijn wel Ed Agtb: gesonden een ola aan den Paejetten rakende zijne klagte weegens de vissen die zig tewaaapolij hadden laaten doop met 273 Den 18: September in de stad Cochim Ao 1772: met belofte dat zijn wel Edele Agtb: daer tegens sodanige messures in het werk stellen zoude als noodig g'oordeelt wierd tot wegneming van het ongenoegen van de Regenten des lands zoo dra bij zaljetter dit heen in persoon soude gekomen weesen vide het concept hier bene„ „den Concept ola ser ordre van den wel Edele Agtb: Heer Commandeur Adriaen Moens door den oppertolk van Jongeren aan den Zaljetter geschreeven den 18: 7ber: 1772. Mijnen opergebieder den wel Edelen Agtb: heer Commandeur heeft op den ontvangst van vE: eerste ola waar bij comminucatie gedaen wierd wegens desertie van zeeker visser met name Macoda woonagtig op Baijpin en hoe dat hij op varapolij met zijn vrouw en kinderen soude Christen geworden zijn ten eersten een briev aan den Bisschop geschreeven Den 18: September jn de stad. Cochim geschreeven onder toesending van de over„ „settinge van vE: ola waar op den bisschop aan zijn wel Edele Agtb: tot antwoord heeft gedient dat den visser Pannaken Malliporotto nu al 2: â 3: Jaeren lang gene„ „gen zijnde het laisten geloof aantenemen gem: Bisschop op den 12: deser hem visser met nog 9: â 10: persoonen Christen ge„ „maakt heeft dat daer op vE: volk met een ola soude gekomen zijn om die men„ „schen te reclamineeren waar op den Bis„ „schop VE: het ordinaire antwoord soude gesonden hebben teweeten dat zij lieden niet van heeden maer althoos deheijde „nen tot Christen bekeeren en vermits 't een gedaane zaak is zoo zal zijn wel Edele Agtb: daer tegens sodanige messures in het werk stellen als noodig zal werden g'oordeelt tot wegneming van het ongenoegen van de Regenten des lands, in cas subject soo dra vE: in persoon dit heen zal gekoomen wesen God bewaard vE: /onderstond:/ zodanig:/ door A„o 1772:

NL-HaNA_1.04.02_10401_0299 view scan ↗

English

The 18th September in the city of Cochim Year 1778: Translated by me into Malabar, Cochim date as above /signed:/ J: v: Jongeren sworn translator. The 21st ditto Monday before noon, received from Jongeren an ola from the Paliath Achan, concerning the matter of the fishermen who had themselves baptized at Warapolij. Translation of the ola written by the Paliath Achan to the First Interpreter van Jongeren, received the 21st September 1772: I have received your Honour's ola at Chenotta, read it, and understood its contents, by which I saw that as soon as His Right Honourable had received my first ola concerning the desertion of a certain fisherman named Macoda, living at Baijpen, and how he and his wife and children were said to have become Christians at Warapolij, he at once wrote a letter to the bishop and, receiving the reply thereto, sent it to me, and since it was a done The 21st September in the city of Cochim deed, His Right Honourable would take such measures against it as should be deemed necessary. It was very pleasant and agreeable to me to learn that His Right Honourable will redress this matter of Macoda to satisfaction and make such arrangements for the future as equity entails; therefore I hope that upon my arrival there and the meeting to be held with His Right Honourable, this matter will be resolved for the best. The Bishop has replied that he baptized all the people who come to him. It is true that the heathens who lose their caste, to the number of one or two persons who come there, are baptized, but when 10 to 15 persons come at once, they were not accustomed to baptize them. Acting thus, all our slaves will convert to Christianity. I shall give His Right Honourable a detailed account Year 1772: Year 1772. of this matter upon my arrival there. When the serfs, through their lack of understanding, convert to the Christian faith, they were accustomed to return them to us upon our reclamation; therefore I hope that His Right Honourable will be pleased to hand over the aforementioned Macoda with his family to me. If no redress is made in this regard, I shall have to suffer great vexation. I think that the Christians, before my arrival there, will seek to move the aforementioned Macoda and his family away, wherefore I request that the aforementioned Macoda and his family be kept in safe custody. He has become a Christian through the instigation of Christians, and they might sometimes also mislead him and his family so far that they would abscond. His pallegas and fishing nets have been brought to St. Louis and preserved; I request that the same may also be kept in safe custody. The 21st September in the city of Cochim The 21st September in the city of Cochim On the 27th instant I shall be done with taking medicine, after which I shall appear in Cochim /signed by the Paliath Achan /below stood for the translation: Cochim, date as above /signed:/ S: v: Jongeren, sworn Translator. The 24th ditto Thursday, His Right Honourable wrote a letter to the Bishop of Warapoli, enclosing an extract from notes kept by the Right Honourable Governor Senff, as recorded below: Draft of a Portuguese letter written by the Right Honourable Commander Adriaan Moens to the Bishop of Warapolij, the 24th September 1772: I have had the honour to receive Your Illustrious Lordship's esteemed missive of the 14th instant. Since then I have received two more detailed Year 1772; olas from the Paliath Achan, The 24th September in the city of Cochim containing even stronger complaints and greater grievances, just as if the propagation of Christianity must tend to the prejudice and ruin of the heathen forms of government of the heathen princes. In the meantime I have put off the Paliath Achan to speak with him about it as soon as he shall have returned from Chenotta; also, my first interpreter van Jongeren is due to come to Your Illustrious Lordship one of these days likewise to speak with Your Illustrious Lordship on my behalf amicably in this regard. Meanwhile, I have deemed it not unserviceable to send to Your Illustrious Lordship herewith an extract from the notes kept by the Right Honourable Lord Senff, translated into the Portuguese language, regarding that which was transacted in the month of February 1770 with the Chief Ministers of State of His Highness of Travancore, which was sent to Batavia and approved from there. I have, Year 1772. The 24th September in the city of Cochim Meanwhile, after cordial wishes for God's blessing, I have the honour to remain with high esteem. Extract from the notes kept by the Right Honourable Governor Senff regarding that which was transacted in the month of February 1770 with the Chief Ministers of State of His Highness of Travancore, among other things concerning the Bishop of Warapolij. About him, the King of Travancore had previously already complained in writing that he baptized his soldiers when they, out of fear of punishment, took refuge with him, that in this manner he could keep his people in no order, and that if such happened again, great difficulties would arise from it. Upon this, I had already demanded an explanation from the Bishop, and Year 1772:

Dutch transcription

275 Den 18. September jn de stad Cochim A„o 1778: door mij in het mallabaars overgeset Cochim dato als boven /was getekend:/ J: v: Songere„ geswoore franslateur. D=o 21: D=o Maandag voor de middag ontving van Jongeren een ola van den Paljetter, weegens de zaak van de vissers die zig tot warapolij hebben laaten doopen. Translaat ola door den Paljetter aan den Eerste tolk van Jongeren gesch: ontvangen den 21: 7ber: 1772: Ik heb vE: ola. op chenotta ontvangen geleesen en dies jnhout verstaen waer bij ik zag dat zoo dra zijn wel Edele Agtb: mijn eerste ola ontvangen had wegens de „sertie van zeker visser met name Macoda woonagtig op Baijpen en hoe dat hij op warapolij met zijn vrouw en kinderen zouden christen geworden zijn ten eersten een brief aan den bisschop geschreeven en 't antwoord daer op ontvangende mij toegesonden had, en vermits het een gedane zaak Den 21: September Jn de stad Cochim zaak was zijn wel Edele Agtb: daer tegen zodanige messuaes in het werk stellen als nodige zal werden g'oordeelt 't is mij seer lief en aangenaam geweest te vernemen dat zijn wel Edele Agtb: dese zaak van Macoda ten genoegen redresseeren en voor het toekomende zodanig schicking zoude maaken als de billijkheijd mede brengt, dierhalve verhoope jk dat met mijn komste aldaer ende tehoudene ont moeting met zijn wel Edele Agtb: dese zaak ten besten determineeren zal, den Bisschop heeft tot antwoord gedien dat hij alle de luijden die bij hem komen doopte, 't is waer dat de heijde, „nen die hun Casta verliesen ten getalle van een of twee persoonen die daar ko„ men gedoopt worden maer wanneer dat er 10: â 15: coppen tegelijk komen plagte men deselve niet te doopen dus doende zullen alle onse slaven tot Christendom overgaen jk zal zijn wel Edele Agtb: een omstandige notitie A„o 1772: 277 A„o 1772. notitie van deze zaak met mijn aan„ „komst aldaer geven wanneer de leijfeijgenen door hun onverstand tot Christen geloof overgaen plagte men deselve op onse reclamatie wederom tegeven dierhalven verhoope ik dat zijn wel Edele Agtb: gem: Macoda met zijn familie aan mij zal gelieven overtegeven wanneer hier omtrend geen redres gemaakt word zal ik grood verdried moeten lijden jk denk dat de Christenen voor mijn komste aldaer gem: Macoda en zijn familie zullen soeken te delogeeren waarom versoeke gem: Macoda en zijn familie in goede verzeekeringe tehouden hij is christen geworden door de Jnstigatie van Christanten en zij zouden hem en zijn familie som„ „wijlen ook zoo verre teweeten te lijden dat zij zig absend maken zouden zijn pallegas en vesnetten zijn op s=t Louis gebragt en bewaard, jk versoeke dat de „selve ook in goede verseekering moogen Den 21: September jn de stad Cochim gehouden Den 21: September Jn de stad Cochim do gehouden werden den 27: Courant zal ik gedaen werk krijgen met medicineeren waer na wij op Cochim zal laaten vinden /getc: bij den Paljetter /onderstond voor de Jranslatie (Cochim dato als boven /was gete:/ S: v: Jongeren geswoor Translateur. 24: D=o Donderdag schreef zijn wel Edele agtb: een briev aan den Bisschop van warapoli onder toesending van een Extract uijt aante „keningen gehouden door den wel Edele Agtb: Heer gouverneur serff, als hier onder consteerd Concept Portugeese brief door den wel Edele Agtb: Heer Commandeur Adriaan Moens gesz: aan den Bis„ „schop van warapolij den 24: September 1772: Hebbe d' eere gehad te ontvangen vu Doort g'agte missive van den 14: Courant zedert hebbe ik van den Paljitter nog twee omstandig A„o 1772; olas 279 Den 24: September in de stad Cochim olas ter ontvangen in zig behelsende nog al heviger klagten en grooter beswaarnissen even als of de voortplanting van het Chris„ „tendom tot prejuditie ruijme van de heijdente regerings formen van de heijden„ „se vorsten strikken moest intusschen hebbe ik den zaljetter uyjtgesteld om met hem daer over tespreeken zoo dra hij van Chenotta zal terug gekomen zijn ook staad mijn eerste tolk van Jongeren eerstdaags bij uw doorl: tekomen om insgelijks met uw doorl: derweegens in het vriendelijke mijnent wege te spreeken Jntusschen niet ondienstig g'oor„ „deelt uw Doorl: hier nevens toeteschikken een Extract uijt de gehoudene aantekeninge van den wel Edele Agtb: Heer serff in de portugeese saale overgeset wegens 't in de maand febr: 1770: verhandelde met den Eerste stads ministers van zijn Crevancoorse hoogh=t 't geen na Bata„ „via gesonden en van daer g'approbeerd is. hebbe A„o 1772. Den 24: September in de stad Cochim Hebbe in middels de eere na hertelijke toewensching van gods zegen met hoog agtinge te verblijve Extract uijt de gehoudene aantekeningen van den wel Edele agtb: Heer Gouver„ „neur seuf wegens het in demaand febr: 1770: ver„ „handelde met den Eerste stads ministers van zijn Trevancoorse hoogh=t onder andere nopens den. Bisschop van warapolij over dese en hadde de koning van Crevan„ „coor bevoorens al schriftelijk geklagt, dat die zijne soldaaten doopte, als se uijt vreese voor straffe hunne toevlugt tot hem namen dat hij op die wijse zijn volk in geene ordre konde houden en dat zulx weer gebuurde dan daer uijt groote moeijelijkheeden souden ontstaen hier op had ik den Bisschop bereeds eene verantwoording afgevordert en Ao 1772:

NL-HaNA_1.04.02_10401_0305 view scan ↗

English

Anno 1772 281 The 24th of September in the city of Cochim and having obtained these, along with many grievances about the unheard-of oppressions and insults that his men had to endure not only from the Ragiadoors, but even from the lowest soldiers of the King of Trevancoor, I conversed with the emissary on this matter in very emphatic terms, and I also brought forward several motives why I believed it was best that the King grant all his subjects the freedom to become Christians or not. However, the emissary seemed to take this amiss, and considering myself unauthorized to press a heathen prince more strongly on something that even Christian princes in Europe are unwilling to permit, I changed my tone and said that he should not take my proposal as if I wished to prescribe laws to the King of Trevancoor with respect to his subjects; that, on the contrary, I assured him that I The 24th of September in the city of Cochim would lend a helping hand in that matter in so far as fairness dictated, and that he therefore only needed to make known to me frankly what the King actually desired. To this, the answer was: That neither the Bishop of Warapolij nor his subordinate priests should be permitted to baptize any of the subjects whose [illegible] were not already baptized Christians, without the prior knowledge or consent of the King of Trevancoor. I agreed to this and promised to give that order to the Bishop and also to have it observed. The emissary desired that the Bishop should bind himself to this in writing, but I expressly rejected that as a matter that would place him too much under the power of the King, saying that I would be accountable and would offer the King a satisfactory compensation Anno 1772 if 283 The 24th of September in the city of Cochim Anno 1772. if the Bishop did not comply with my order. Below stood: Translated as such into Portuguese by me. Cochim, date as above. Signed: S: v: Jongeren, Sworn Translator. The same 26th of the same month, Saturday, His Right Honorable received a letter from the Bishop of Warapolij, reading as follows: Translation of a Portuguese letter written by the Bishop of Warapolij to the Right Honorable Lord Commander Adriaan Moens, received the 26th of September 1772: It is now a few days ago that I had the honor to receive Your Right Honorable's letter, with the complaint of the Paljetter made to Your Right Honorable. He also sent me an ola, which I read and answered in a polite manner according to custom, writing among other things that we have been making Christians here in these lands for over a hundred years and placing them under the protection of the Honorable Company. The 26th of September in the city of Cochim There is no King, Prince, General, grandfather of the present Paljetter, or other prominent ministers and subordinates with whom I have not spoken, even with the Samorijn and his subordinate princes, but not one of them has insisted so much upon the matter of the Christians. The present Paljetter, having written to me several times without effect after the death of his grandfather, has become angry with me over this. Your Right Honorable knows the common proverb of the world, and that which on the one hand is the truth, that he who does not guide and he who wishes goes. When I have the honor to speak with Your Right Honorable, and if the Paljetter should be present there, I will tell him with all politeness what needs to be said. May Your Right Honorable please let me know on what day and hour I must proceed to Matthancheer, Anno 1772: when 285 The 26th of September in the city of Cochim Anno 1772. when I shall not fail to be there in the least. I did not want to detain the bearer of Your Right Honorable's letter, and due to the defect of my eyesight, I could not read the extract from the kept notes of the Right Honorable Lord Governor Senff, about which I had the honor to speak with the Lord himself. If I should have no opportunity within two or three days to speak with Your Right Honorable, I will write about it. I remain with profound respect, below stood: Your Right Honorable's humble servant. Signed: F. Florencio De Jesus, Bishop of Arioplij, Apostolic Vicar of the Mountains. In the margin: Waarpolij, the 25th of September 1772. Below stood: For the translation, Cochim, date as above. Signed: S. v. Jongeren, Sworn Translator. The same 28th of the same month, Monday, His Right Honorable received a Portuguese letter from the Bishop of Warapolij, as recorded below: The 28th of September in the city of Cochim Translation of a Portuguese letter written by the Bishop of Warapolij to the Right Honorable Lord Commander Adriaan Moens, received the 28th of September 1772: I wrote to Your Right Honorable the day before yesterday that due to the defect of my eyesight, I could not immediately read the extract of what was transacted between the Honorable Company and the King of Trevancoor, and in order not to detain the bearer of Your Right Honorable's letter, and given my lack of health, I also wrote to Your Right Honorable that I would answer within two or three days in the presence of the Paljetter, as I do now regarding the extract of the Right Honorable Lord Senff, former Governor of this Malabar coast belonging under the Honorable Company. His Right Honorable as well as his predecessors were well informed of Anno 1772:

Dutch transcription

A„o 1772: 281 Den 24: September Jn de stad Cochim en dese erlangt hebben met veele beswaarnis„ „sen daer nevens over de ongehoorde verdruc„ „kingen en beledingingen die hij mans ondergaan moeste niet alleen van de Ragiadoors maar selfs van de minste soldaaten van den koning van Jrevan„ „coor soo onderhield ik den afsendeling hier over in seer nadriekelijke termen en ik bragte teffens verscheijde beweeg redenen bij waer om ik vermeende dat 't beste was; dat de koning van alle zijne onderda„ „nen vrijheijd liet om Christenen te werden of niet Dog dit scheen de afsendeling qualijk te „neemen en ik mijn onbevoegt agtende bij een heijdens vorst sterker aantedringen op iets dat selfs Christen vorsten in Europa niet toestaen willen zoo verandert ik van tael en seijde dat hij mijn voorstel met opneemen moeste als op ik den koning van Pevancoor ten opsigte van zijne onderdanen wetten wilde voorschrijven dat ik in tegendeel verzeekerde hem in dat Den 24: September in de stad Cochim dat stuk voor zoo veele de billijkheijd meede bragte de behulpsaame hand te zullen bieden en dat hij mij daerom maar open „haatig bekent moeste maken wat de koning eijgentlijk begeerde hier op was 't antwoord Dat de bisschop van warapolij nog zijne onderhoorige priesters niet zouden vermogen iemand der onderdanen welker Christenen zouden geen gedoopt geweest zijn te doo„ „pen sonder voor kennisse of toestemming van den koning van Trevancoor. Dit stond ik toe en beloofd aan den Bisschop die ordre te zullen geeven en ook te doen nakomen. De afsendeling begeerde dat de bisschop zijn boven die schriftelijk verbinden zoude dog dat wees ik als eene zaak die hem teveel order de magt van den koning stel„ „ten soude uijt drikkelijk van de hand zeg„ „gende dat ik aanspreekelijk weesen on den koning eene voldoening satisfactie soude Ao 1712: indien. 283 Den 24: September Jn de stad Cochim Ao 1772. indien de Bisschop mijne ordre niet naquam /onderstond:/ zodanig door mij in het Portugees overgeset /: Cochim dato als boven (was gete:/ S: v: Jongeren Geswoore Translateur. — D„o 26: D=o Zaturdag ontving zijn wel Edele Agtb: een brief van den Bisschop van waaapolij luij„ „dende als volgt Translaat Portugeese Brief door den Bisschop van warapolij gesz: aan den wel Edele Agtb: heer Commandeur Adriaan Moens ontvangen Den 26: 7ber: 1772: Het is nu eenige daagen geleeden dat ik de eere gehad heb uwel Edele Agtb: brief te ontvangen, met de klagte van den Paljetter gedaen aen uwelEdele Agtb: hij heeft mij ook een ola gest die ik geleesen en op een beleefde wijse b. antwoord heb na den gebruijke schrijvende onder anderen dat wij hier in dese landen al over de hondert Jaaren zijn Christenen maaken en stellen deselve onder de protextie van DE Comp: Daar Den 26: September jn de stad Cochim Daar is geen koning Prins generaal groot vader van den presenten Paljetter en an„ „dere voornamen ministers en subalterne„ daer ik niet meede gesprooken heb Jaselfs met den sammorijn en zijne onderhoorige vorsten maar geen een van deselve heeft over de materie van de christen zodanig daar op gestaen. Den presenten Paljetter naar de dood van zijn grood vader verscheijde reijsen aan mij schrijvende sonder effect is daer op quaad tegens mij geworden uwel Edele Agtb: welt het gemeen spreek woord van de wereld en het geen aan de eene zijde de waarheijd is dat die niet en stuurd en die 't wild die gaad als ik de eere hebbe met uwelEdele Agtb: tespreeken en zoo den paljetter daer bij mogt weesen zal ik hem met alle beleefdheijd seggen wat noodzakelijk gezegt moet werden uwel Edele Agtb: gelieve mij te laaten weeten op wat dag en uur ik mij op Matthancheaij moet vervoegen wanneer Ao 1772: 285 Den 26: zeptember jn de stad Cochim A„o 1772: wanneer ik daer omtrend in 't minste niet manqueeren zal ik heb den brenger van uwel Edele brief niet willen ophou„ den en door gebrek van mijn gezigt heb ik het Extract uijt de gehoudene aanteke„ „ningen van den wel Edele AAgtb: heer Gouver„ „neur serff niet kunnen leesen waar over ik de Eere heb gehad met den heer selfs te spreeken zoo ik binnen twee a drie daagen geen occasie mogte hebben met uwelEdele Agtb: tespreeken zal ik daar over schrijven blijve met diepschuldig eerbied /onderstond:/ uwel Edele Agtb: ootmoedigen Dienaer /was gete:/ F: Florencio De Jesus Bisschop van Arioplij Apostolice vicarius van het. gebergte /in margine / waarpolij Den 25: 7ber: 1772: onderstond:/ voor de transla„ „tie Cochim dato als boven /was getve:/ S: v: Jongeren geswoore Translateur D=o 28: D=o Maandag ontving zijn wel Edele Agtb: een Portugeese brief van den Bis„ „schop van warapolij als hier onder Consteerd Translaat Den 28: zeptember in de stad Cochim Translaat Portugelse brief door den Bisschop van warapolij gesz aan den wel Edelen Agtb: Heer Comman„ deur Adriaan Moens ontvangen den 28: 7ber: 1772: Ik heb Eergisteren aan uwel Edele Agtb: gesz: dat door geboek van mijn gezigt ik ten eersten niet konde leesen het Extract van het verhandelde tussen DE. Comp: en den koning van Crevancoor en om den brenger van uwel Edele brief niet optehou„ „den en bij manquement van mijn ge„ „sondheijd heb ik aan uwelEdele Agtb: ook gesz: dat ik binnen twee â drie daagen zoude antwoorden depresentie van den zaljetter gel: jk thans doe belangende 't Extract van den wel Edelen Agtb: Heer serff geweesen gou„ „verneur van deese mallabaarse kuste gehoorende onder E. Comp: zijn wel Edele Agtb: zoo wel als desselfs antecesseeren waren wel g'informeerd van Ao 1772:

NL-HaNA_1.04.02_10401_0311 view scan ↗

English

287 Anno 1772: The 28th of September in the city of Cochim concerning the customs and the duties of the Bishop of Warapolij and of the Reverend Father Missionaries, and let us proceed as we do now without causing any detriment and prejudice to the lords of the land, so that we have made no change in our procedures. We administer just as we administered before, without any rebuke from the kings, rulers, princes, and their ministers. In this matter it is nothing other than malice and stubbornness from the Paliath Achan. May your Right Honourable be pleased to have the goodness to let me speak with the Paliath Achan, just as I had the honour of speaking with two Lord Commanders, the predecessor of the King of Cochim, and the Paliath Achan, in the presence of several gentlemen of the Council at Cochim, where the interpreter van Jongeren was also present, but Examined by Wm 7a W Lucasz Cochim The 28th of September in the city but on this subject not a word was spoken. I have never in my life heard or seen a man who is so strange. I have had the honour of writing to your Right Honourable that I shall lay down what is appropriate in the presence of the Paliath Achan. I remain with deep, respectful deference, below, your Right Honourable's humble servant, was signed, Frater Florencio de Jesus, Bishop of Warapolij, Apostolic Vicar of the Highlands, in the margin, Warapolij the 27th of September 1772, lower down for the translation Cochim, date as above, was signed, S: v: Jongeren, Sworn Translator. Agrees. Anno 1772: J Sannicken EClercq Wr Westrvirekland velingelandt Chim 6

Dutch transcription

287 A:o 1772: Den 28: zeptember jn de stad Cochim van de costumen en de pligten van den Bisschop van warapolij en van de Eerw: Paters misseonarissen en lieten ons be„ „gaen zoo als wij thans doen sonder eeni„ „ge nadeel en presiditie aan de heeren van 't land toe tebrengen, zoo dat wij in onse proceducires geen verandering gemaakt hebben wij administreeren zoo als wij bevoorens g'administreerd hadden sonder eenige bestraffing van de koningen vorsten Princen en derselver minis„ „ters in deese zaak is 't anders niet als een boos en Coppigheijd van den Paljetter uwel Edele Agtb: gelieve de goedheijd te hebben van mij met den zaljetter te doen spreeken gelijk ik de eere heb gehad te spreeken met twee Heeren Commandeurs niet den koning van Cochim zijn voorzaat en den Paljetter ter presentie van verscheijde tteeren van den Raad te Cochim alwaer ook zig bevond den solk van Jongeren maer Nagezien door Wm 7a W Lucasz Cochim Den 28: September in de stad maar in deese materie is er met een woord van gesprooken /:Ik heb van m leven niet gehoord of gesien een man die zoo wonderlijk is Jk heb deer gehad aan uwel Edele Agtb: te schrijven dat ik in presentie van den Paljetter zal leggen wat dienstig is blijve met diep schuldig eerbied /onderstond/ uwel Edele Agtb: ootmoedigen Dienaar (was get: / F: Florencio de Jesus bisschop van Arioplij apostolice vicarius van het gebergte /:in margine / was „polij den 27: 7ber: 1772: /lager voor de Translatie Cochim dato als boven /was gete:/ S: v: Jongeren Geswoore Translateur. Accordeert A„o 1772: J Sannicken EClercq Wr Westrvirekland velingelandt Chim 6

← previous