Inventory 10674
Cape · 622 pages · 88 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
Letters and Papers from the Cape dated 5 January 1788. per the Jonge Jacob. A. - An Account rendered by the aforementioned Captain Swart at Batavia A deposition of the chief surgeon on the aforementioned ship 'T Zeepaard B. I. Engelbert. A ditto of the junior merchant A. W. J: van Iddekinge, who came out with that vessel No. 5. Authentic copy of documents relating to the legal proceedings against: Jacob van Steenen on account of the illicit salvage committed at the Danish ship Nicobaar according to the separate note annexed thereto. - A. - - - - - No. 6. Authentic copy, Memorandum submitted by the Dispenser Tobias Christiaan Rönnenkamp upon his retirement from the Council of Policy Authentic copy of a letter from the junior merchant and shopkeeper Egbertus Bergh to the Noble Lord Governor, wherein he has declared his sentiments on the matter of the administration A. - - - - - - - No. 8. Original Petition of the aforementioned junior merchant Bergh, wherein he requests the title of merchant with the rank next to the junior member of Justice. No. 9. Authentic copy, Report of the Commissioned Sea- and Shipwrights concerning the examination of the journals kept on the Ceylon return ship de Paarl etc.: act of protest delivered here by the skipper of the private ship present, the Vreede, Thijs Keetel- No. 10. Original Extraordinary Requisition for cement for the use of masonry work for the fortifications here Petition of the pay-roll clerk Johannes Fredrik Kirsten wherein he makes further application to obtain the rank and pay of junior merchant 13. Sworn Account of the officers of the aforementioned ship de Paarl, concerning the disasters which befell that vessel on the voyage hither, first from Ceylon and subsequently from Mauritius to this place. - 1832 No. 12. Four packets addressed to the Most Noble Lords Seventeen, and delivered here by the officers of the return ship de Paarl No. 9½. Copy No. 14. Original long Invoices of the lading at Galle of the aforementioned ship de Paarl and those of the fellow Ceylon return ship de Draak — No. 15. One Original and Two Copies of short Invoices of the goods laden at Batavia and Ceylon, both in the bearer of this, the private ship de Jonge Jacob, and in the aforementioned ships de Paarl and de Draak No. 16. Bill of lading invoice of the wines laden in the said ship de Jonge Jacob 17. Authentic copy, Report of the commissioners who tasted the same wines and found them in good condition. - No. 19. Two Galle Packets brought hither with the aforementioned ship de Paarl— and 20. Five ditto addressed to the Right Honourable Lords Directors of the private Chambers indicated in the margin, 18. Copy, Reports of the Master Attendant C. S. concerning the invalids on the ships Delvlied and 't Zeepaard. — No. 21. Authentic copy, Declaration granted by the officers of the ship Oud Haarlem concerning the cleaning and keeping clean of that vessel. — No. 22. A small chest with addresses to the Noble Lords Directors at the Presidial Chamber Amsterdam wherein some private letters brought with the ship de Paarl. — 23. A ditto addressed to the Most Noble Lords Seventeen wherein three secret packets to their Noble High Mightinesses together with a sealed missive to the Lord Advocate Nederburg, being sent by the Noble Lord Governor van de Graaff being further also placed in the small chest in which are enclosed: the Company's papers now departing and numbered 24, fourteen various packets of private letters from the well-mentioned Noble Lord Governor van de Graaff:— In the Castle of Good Hope the 3 January 1788. Patria. - The duplicates of our last dispatched letters accompany this. To the Right Honourable High Mightinesses Lords Directors, commissioned to the Illustrious Assembly of Seventeen, representing the General Chartered United East India Company of the Netherlands at the Presidial Chamber At Amsterdam. Right Honourable, Valiant, High Mightinesses, Most Wise, Prudent, Most Generous Lords. High Commanding Lords, §1. Under date of 2 November of the year just past, we had the honour lastly to write to your Right Honourable High Mightinesses with the chartered private Batavian Return ship den Onzekeren, wherewith under the 7th of that month was also dispatched a further letter of advice regarding the arrival here in the roads of the private ship Drietal Handelaar, likewise chartered by the Hon. Company, and of both of which missives of ours the duplicates now accompany this. - Respectful reply to your Right Honourable High Mightinesses' esteemed orders of 28 December 1786. The receipt of your Right Honourable High Mightinesses' honoured orders of the date 28 December 1786 having been notified by our humble letter of 23 August last, and that the answering thereof had to be deferred until further shipping opportunity, we now take the liberty in all reverence to reply thereto: That the impossibility has been for the Lords of the High Government of the Indies, in their respected letter of 5 October 1785, amidst the appended observations regarding the investigation—found to be unsatisfactory—into the causes of the gruesome murder committed on the ship Java by the Chinese, as well as of that which gave rise to the uprising per the Dutch private ship de Jonge Jacob. for what reasons one was unable to provide satisfactory reports concerning the murder and uprising on the return ships Java and 't Slot ter Hoge
Dutch transcription
Brieven en Papieren van de Caab dato 5 Januarij 1788. p:r de Jonge Iacob. A. - Een Relaas van opgem: Cap=n Swart te Batavia g.geeven Een verklaring van den opperchirurgijn op 't voorm: schip 'T Zeepaard B. I. Engelbert. Een d:o van den met dien bodem uitge„ A. „komenen onderkoopman A. W. J: van Iddekinge N:o 5. Copia authenticque stucken betrek„ kelijk tot de procedures Jee„ gens: Jacob van Steenen :: weegens de gepleegde strand„ „koop bij het deensch schip Nicobaa volgens daar bij leggende apparte notitie. - A. - - - - - „ 6. Copia Authenticq, Memorie door den Heer Dispencier Tobias Christiaan Rönnenkamp bij desselfs af, „scheid neemen uit den Politicque„ Raad overgegeeven Copia authenticq Brief van den onder„ ^ Egtertus Bergh „koopman en winkelier ^ aan den Edelen Heer Gouverneur, waarbij denzelven heeft gedeclareerd zijne gevoelens op 't stuk van de Raigie A. - - - - - - - „ 8. Origineele Request van evengem: onder„ „koopman Bergh, waarbij ver„ „zoekt den titul van koopman met den rang naast het Iongste lidt van Iustitie. to v - „ A. L A. A te A. -- A. A. Z. N:o 9 Copia authenticq Berigt van Gecommit„ „teerde zee= en scheepstimmer„ „lieden nopens d'Examinatie der Iournalen gehouden op 't Ceilons retour schip de Paart etc: acte van protest door den schipper van 't aanweezend part:o schip de vreede Thijs Keetel alhier overgeleeverd- „ 10. Origineele Extra ordinaire Eijsch van Cement tot gebruik van het met„ „zelwerk voor de fortificatien alhier Request van den zoldij over„ drager Iohannes Fredrik kirsten waarbij nader ver„ „zoekvoet tot obtenue van de qualiteit en gagie van onder, „koopman 13. BeEdigt Relaas van d' overheeden van 't evengem: schip de Paarl, betreffende de rampen dien bodem op de herwaards reijse eerst van Ceilon en naderhand van Maaritius na herwaarde overgekomen. - 1832 „ 12. Vier pacquetten aan de Hoog Edele Heeren Zeeventhienen gead„ „dresseerd, en door de Overheeden van't retour schip de Paarl alhier overgegeeven A. L. . . . . 9½. Copia vre n A. —. — 11 A. A. - A. A. . . N:o 14. Origineele lange Facturen der inladinge 2 te gale van het voorm: schip de Paarl en die van't meede Ceilons retour schip de Draak — A - - - - - - - „ 15 Een Origineele en Twee Copia's korte Facturen van 't geladene tot Batavia en Ceilon, zo in brenger deeses het part: schip de Ionge Jacob als in de voorm: scheepen de Paars en de Draak „ 16. Cognoscement factuur der ingeladene wijnen in 't ged:e schip de Jonge JJacob 17. Copia authenticq Rapport van gecom„ „mitteerdens die dezelve wijnen geproefd en wel geconditioneerd bevonden hebben. - - „ 19: Twee gaalse Pacquetten met het „hier vorengem: schip de Paare alhier aangebragt— : ZD: R N E. en 20. Vijf _o g'addresseerd aan de Wel Edele Heeren Be„ „windhebberen der in margine beteekende particuliere kameren, _o 18. Copia Berigten van den Equipa„ „giemeester C. S. nopens de Impo„ „tenten op de scheepen Delvlied en 't Zeepaard. — vert A. A. 5 N. A. ingeZ. N:o 21. Copia authenticq Verklaring der overheeden van het schip oud Haarlem nopens het reijnigen en schoonhouden dier Bodem verleend. — A. - - - - „ 22. Een Casje met addressen aan d' Edele Heeren Bewindhebberen ter Priesidiale Camer Amsterdam waar in eenige particuliere brieven met het schip de Paarl aangebragt. — 23. Een _o g'addresseert aan de Hoog Edele Heeren Zeventhienen waar in drie secreete pacquet„ „ten aan Haar Edele Hoog agtb=s beneevens een gesloten missive aan den heer advocaat Nederburg, door den Edelen heer gouverneur van de Graaff afgezonden werdende zijnde voorts nog in het Casje waar in besloten zijn: 's Comp: thans afgaande papieren en genommert 24. ook gelegd, Veerthien diverse pacquetten particulier „re brieven van welgem: Edelen Heer gouverneur van de Graaff:— In't Casteel de Goede Hoop den 3 Jann: 1733. k EgCleren — N. ƒ H begister Duplicaat 9 th 9 ded laats brieve deze Patria. - de duplicaten onzer laatste afgezondene brieven gaan nevens. dezen over. Aan de Wel Edele Hoog Agtb: Heeren Bewindhebberen, gecommitteerd ter Illustre vergadering van zeeven„ „thienen, representeerende de generaale Nederlandsche g'octroijeerde Oost Indische Comp: ter preesidiale Camer Tot Amsterdam. Wel Edele, Erntfeste, Hoog Agtb: Hoog Wijze, voorsienige zeer gene„ „reuse Heeren. Hoog Gebiedende Heeren, §1. Sub dato 2:e November des even afgeweeken Jaars, hadden wij d'Eer 't laatst aan Uwe wel Edele Hoog Agtb: te schrijven met het de Jonge Iacob. de P=r het holl: part: schip ingehuurd Eerbiedige rescripte op uwer wel Edele Hoog agtb:s geagt aanschrijvens van den 28: deob:r 1786. 52. ingehuurd particulier Batavia 's Retour schip den onseekeren, waar meede onder den 7. dier ma ook is afgegaan een nader advijs briefje nopens het arrivement hier ter rheede van het meede bij d'EComp: ingehuurd particu„ „lier schip 3 drietal handelaar wel de vol en van welke beide onze mis„ geeven en scheep „sives de dupplicaten thans in ter deezen overgaan. - Den ontfangst van Uwer wel Edele Hoog Agtb: g'Eerde aan„ schrijvens de dato 28 Xbre 1786. bij onze onderdanige van 23 aug:s Laatst. voloe 53. om welke reedenen men in voldoende berigten te kunnen geeven nopens de moord en opstand op de retour scheepen Java en 't slot ter Hoge Laatstl: g'adviseerd zijnde, en dat de beantwoording op hetzelve tot nadere scheepsgeleegentheid hadde moeten werden uitgesteld, nemen wij thans de vrijheid in allen Eerbied daar op te rescribeeren: Dat de Heeren der Hoge de onmogelijkheid is geweest Indiasche Regeering bij derzelver gerespecteerde Letteren van 5: 8ber: 1785. onder de bijgevoegde aanmerkinge omtrent het on„ voldoend bevonden onderzoek na de oorzaken van het op het schip Java door de Chineesen ge„ „pleegde gruwelijke moord en zo meede van het geene tot den opstand
English
uprising among the slaves at the castle gave cause to the High Government to demand further report from us, and this having been repeated in Their High Nobles' later missive of 25 October 1785, we then subsequently exerted all efforts to provide Their High Nobles with satisfactory reports regarding this matter. However, since the late Independent Fiscal Serrurier, who already held that office pro interim upon the arrival of the aforementioned two ships in the year 1784, was prevented by continual illnesses from submitting or presenting the required written declaration regarding this, whereby complying with that requisition was hindered, and since this was subsequently completely neglected due to the death of the aforementioned Independent Fiscal, we found ourselves unable to report anything further to Their High Nobles in that regard, all the more because both captains of the aforementioned ships have since remained in the fatherland; therefore only this testimony could be made to Their High Nobles, which we hope will be favorably regarded by Your Right Honorable Worships. We therefore hope that Your Right Honorable Worships will kindly look with favorable regard upon the aforementioned incidents, which hindered the proper investigation of the causes of the above-mentioned cases, and may excuse the resulting oversight; all the more so, since we may flatter ourselves that it will be taken into consideration that the repatriated Honorable Highly Esteemed Lord Director General Hendrik Breton commanded the return fleet under which the aforementioned two ships then fell, and also, as Commissioner over this Government during the presence of the same ships here, held the chief administration in hand, so that by virtue of both of these capacities it was primarily the obligation of His Right Honorable Worship to pay attention that an investigation was conducted in a proper manner regarding two cases that specifically occurred on ships belonging under His Honor's flag. 54. We shall nevertheless always keep in mind the remarks made by Your Right Honorable Worships concerning the interest of the aforementioned cases, in order to gather information upon the arrival of the ships regarding the conduct of the ship authorities, and to have punished according to their merits those who have violated their duty therein. However, in similar cases all attention will be used. 5. Our measures taken with regard to the Captain on the ship 't Zeepaard Hendrik Swart approved by Your Right Honorable Worships. It having further pleased Your Right Honorable Worships to express your highest approval regarding the proceedings held concerning the disorderly conduct of Captain Hendrik Swart, having commanded the ship 't Zeepaard, in so far as concerns the measures taken for the preservation of good order and peace on that vessel, the enforcing of obedience to the commander placed thereon, and the transmission of the collected documents to the High Indian Government; while Your Right Honorable Worships would have wished to have also received the declaration of Lieutenant van den Bogaard and other officers of that ship, given in favor of the aforementioned Captain Swart, with the addition that it was also not without Your Right Honorable Worships' notice that the aforementioned Captain Swart, according to his letter, had spent forty days here without trial, and that Your Worships trusted that both the said Lieutenant van den Bogaard and the boatswain and boatswain's mate of the aforementioned vessel would since have been brought to trial here, with added remarks about the utterly punishable conduct of the two last-mentioned: 6. But regarding the declaration of the 1st Lieutenant van den Bogaard and the not bringing to trial of the said Captain Swart, some remarks having been made, we take the liberty to serve with the report mentioned herewith. We must take the liberty to report as in duty bound to Your Right Honorable Worships on this, that no such declaration as meant hereinabove was given here by the aforementioned Lieutenant van den Bogaard, but that he may easily have imagined that the declaration which the non-commissioned officers and some ratings gave in favor of the said Captain Swart, and of which a copy has already been sent to Your Right Honorable Worships along with our missive of 23 August 1785, was also signed by him. 7. While we must add to this that, on the one hand, the manner in which we were informed that this declaration was obtained by the aforementioned Captain Swart, and in particular the conduct of the aforementioned Lieutenant van den Bogaard and the signatories of the declaration, along with the obstinate bias of the said boatswain Gerrit van Os and boatswain's mate Hendrik Goggel, and, on the other hand, the strong conviction that the said Captain Swart had exceeded his authority entirely contrary to that declaration in the punishment administered, at least in the manner thereof, caused little trust to be placed in the veracity thereof. 8. And since the aforementioned vessel 't Zeepaard was at that time lying in False Bay, from where the officers could not be summoned to the Cape to attend the necessary judicial inquiries without the ship's service being neglected thereby and the ship being delayed, the judicial precise investigation of that matter and the trial of Captain Swart during
Dutch transcription
opstand onder de slaven op 't slot ter Hoge aanleijdinge gegeeven heeft, van ons nader berigt gevor„ derd hebbende, ende zulks bij Haar Hoog Edelens latere missive van den 25 October 1785 herhaald geworden zijnde, wij daar op als toen wel nader alle devoiren hebben aangewend om dienaan„ gaande aan haar Hoog Edelens voldoende berigten te doen toekomen: maar, nadien wijlen den Inde„ pendent Fiscaal Serrurier, die reeds bij aankomst van voorm twee scheepen in 't Jaar 1784. dat ampt pro Jnterim waarnam, door door continueele krankheeden is belet geworden, het deswegens ge„ vorderde schriftelijk declaratoir intebrengen ofte aantewijsen, waar door verhinderd wierd aan dat requisit te voldoen, en dat sulks vervolgens door het overlijden van voorm: Independent Fiscaal geheel agtergebleeven zijnde, men zig buiten de mogelijkheid bevond om haar Hoog Edelens dien aan„ „gaande iets naders te berigten, te meer, dewijl ook de beide Capitains der gem: scheepen zig zedert in 't vaderland zijn blijven onthouden, heeft dierhalven alleen deeze betui„ ging die wij hopen dat bij uwe wel Edele Hoog agtb in gunstig reguard zullen werden genomen ging aan haar Hoog Edelens kun„ „nen werden afgelegd: wij hoppen dies, dat Uwe wel Edele Hoog agtb= op de voorm: Invidenten, welke het behoor„ „lijk onderzoeken der oorzaken van de bovengem: gevallen hebben ver„ hinderd, wel goedgunstig reguard zullen gelieven te neemen, en het daar door toegekomen verzuim passeeren mogen: te meer, daar wij ons vlijen mogen aanschouw te zullen werden genomen, dat den gerepatrieerden Edelen Groot agt„ „baren Heer Directeur Generaal Hendrik Breton, de retourvloot onder welke de voorm: twee scheepen dies dies tijds sorteerden gecommatr„ deert en ook als Commissaris over dit Gouvernement, bij het aan„ weezen van dezelve scheepen alhier, het hoofdbestier in handen gehad hebbende, het uit hoofde van deeze beide qualiteiten, voornamentlijk van zijn wel Edele groot agtb: gehou„ „denis is geweest; attentie te slaan, dat op eene behoorlijke wijze onder„ „zoek wierde gedaan omtrent twee gevallen, bijzonder gebeurd zijnde, op scheepen dewelke onder zijn Ed=e do vlagge behoorden: 54. zullende wij egter steeds in het oog houden de aanmerkingen door zullende egter in zoortge„ „lijke gevullen alle getentie werden gebruikt S5 onze gehoudene maatre„ gulen met opzigte tot den Capitain op 't schip 't zee„ „paard Hendrik Swart door Uwe WelEdele Hoog agtb: goedgekeurd. door uwe wel Edele Hoog agtb: len belange van de voorm: gevallen gemaakt, ten einde bij aankomst der scheepen van het gedrag der scheeps overheeden onderrigt te neemen, en de zulke, welke daar in hun pligt hebben overtreeden, naar verdienste te doen Straffen- ren Uwe wel Edele Hoog Agtb verders behaagd hebbende hoogsten derzelver goedkeuringe te kennen te geeven over de gehoudene behan„ delinge omtrend het ongereegeld gedrag van den Capitain Hen„ drik Swart, gecommandeerd hebbende stellen Swaat gaa pen t schip dog bi Sicute ge dog bij hoogst dezelve no„ pens de verklaring van den 1 Lieutenant van den Bo„ „gaard en het met te regt stellen van ged. e Capitain Swart eenige opmerking gemaakt zijnde 'T schip 'T Zeepaard, in zo verre betreft de genomene maatregulen tot behoudenis van de goede ordre en rust op dien bodem, het doen gehoorzamen van den daar op geplaasten gezaghebber stuur, en het overzenden der ingewon¬ „ne stukken aan de Hoge Jndiasche Regeering, terwijl uwe wel Edele Hoog agtb: wel hadden gewenscht meede te hebben mogen ontfangen de verklaring van den Lieutenant van den Bogaard, en andere of¬ ficieren van dat schip, ten voordeelen van gem: Capitain Swart gegeeven, met bijvoeging dat het ook niet buiten en neemen wij de vrijheid daar op te dienen van 't nevens gem: berigt buiten Uwer wel Edele Hoog Agtb: opmerkinge was, dat ged.:e Capitain swart volgens zijn brief, zonder te regt stelling, alhier veertig dagen hadde toegebragt, en dat hoogstde„ zelve vertrouwden, dat zo wel ged:e Lieutenant van den Bogaard, als den bootsman en schieman van meergem: Bodem zedert alhier zouden weezen te regt gesteld, met bij gevoegde aanmerkinge over 't ten uittersten strafwaardig o „daag van de twee laatstgemelden: §6. moeten wij de vrijheid neemen Uwe wel Edele Hoog Agtb: hier op naar verschuldigdheid te berigten, dat dat door voorm: Lieutenant van den Bogaard alhier geene zoda„ nige verklaringe, als hier boven bedoeld werd, gegeeven is, maar dat denzelven zig ligtelijk kan hebben verbeeld, dat de verklaring dewelke de onderofficieren en eenige gemeenen, ten voordeelen 2 van ged:e Capitain Swart hebben verleend, en waar van bereijde Copia nevens onze missive van 23 aug=s 1785. aan uwe wel Edele Hoog agtb: is gezonden, door hem meede geteekend geworden is: §7. Terwijl hier bij nog moeten voegen voegen dat aan de eene zijde de wijze op welke men g'informeerd geworden was, dat die verklaring bij meerm Capitain Swart was verkreegen, en in het bijzonder de Conduiten van voorm: Lieutenant van den Bogaard, en de teekenaaren der Verklaring, nevens de obstinate partijdigheid van gem: bootsman Gerrit van Os en Schieman Hen„ „drik Goggel, en aan de andere zijde de sterke overtuiging dat gem: Capitain swart geheel strijdig met die verklaring in de gehou„ „dene strafvesseninge, ten minsten in de wijse van dien, zig had te te buiten gegaan, veroorzaakt hebben, dat wijnig vertrouwen aan de deugdzaamheid van de„ zelve konde werden geslagen- En dewijl meerm: bodem S 8. 5 Zeepaard dies tijds in de baaij fals geleegen heeft, van waar de officieren niet na de Caab konden werden gerequireerd om de nodi„ „ge Justitieele Enquesten te belig„ gen zonder dat den scheeps dienst daar door verzuimd en het schip opgehouden zoude zijn geworden, zo is het Judicieel nauwkeurig onderzoek van die zaak en de te regt stelling van Capp:n swart gedu„
English
during his presence of 40 days here, has not only been hindered by this, but even more so in addition, since the aforementioned Fiscal Serrurier, having died two days before the arrival of the said vessel, the deputy then acting in the office of Fiscal could not betake himself for that purpose to False Bay, as his person was required here at the very same time. Section 9. While regarding the aforementioned Lieutenant van den Bogaard, as well as the boatswain Gerrit van Os and the boatswain's mate Hendrik Goggel, since they were found implicated in the case of Captain Swart, and after everything on the ship Het Zeepaard was restored to the necessary order and quiet, Lieutenant van den Bogaard was released from arrest, and Boatswain van Os and boatswain's mate Goggel were released from the irons in which they were kept on the ship 's Huis te Spijk; subsequently the first and last in their respective capacities, but Boatswain van Os out of service, continued their voyage to Batavia, where they, as well as the repeatedly mentioned Captain Swart, were brought to trial. Our conduct observed in that case, however, was regarded by the Lords of the High Government of the Indies as entirely improperly handled. Section 10. Having had to learn with regret from the letters of the Lords of the High Government of the Indies dated 5 May 1786, that their Excellencies, far from approving our conduct observed in the case of the repeatedly mentioned Captain Swart, have regarded it as entirely improperly handled, with such further orders and instructions as the said letters contain, of which, having demanded a report from Captain at Sea du Minij regarding the slave trade on Madagascar and Mozambique, an authentic copy thereof, together with the report belonging thereto, is transmitted herewith for your Right Honorable Excellencies' further elucidation. Regarding the explanation which your Right Honorable Excellencies desire in Section 12, both concerning the conduct of the Captain at Sea Francois du Minij, from which originated the supposition that Foulpointe was the only place on the island of Madagascar where suitable slaves could be traded for the Company, as well as with respect to the authority which the head of the French Nation at the mentioned place appears to have had to prevent that trade, and furthermore also regarding what appears in the following Sections 13, 14, 15, 16, and 17, which must serve for the elucidation of your Right Honorable Excellencies regarding the slave trade on Madagascar and Mozambique, as well as with respect to sailing under the flag and passport of the Portuguese; having demanded a detailed report from the said Captain du Minij, who was employed in that trade and possesses the most knowledge and experience thereof, with the considerations which he shall find capable of serving the matter; and also having demanded of the undersigned Head Administrator Johannes Isaac Rhenius the preparation of such an account, drawn up in merchant fashion, as must serve not only to demonstrate how much the slaves traded on Mozambique cost the Company, but also to make a comparison of the costs which the Company, calculated in a like manner, has borne in the importation of slaves from Madagascar, in order, after those received reports, with the addition of our considerations, to be able to answer the points proposed by your Right Honorable Excellencies in the mentioned paragraphs 12 to 20; we shall not fail, as soon as these reports have been received, to transmit them to your Right Honorable Excellencies with the addition of such remarks as may still be found useful in that regard. Section 14. Detailed report regarding the reasons for the difference in the prices of the purchased slaves from the ships Le Telemaque and L'Estrella d'Africque. As, with regard to the difference in the prices of the slaves who were purchased from the French ship Le Telemaque and the Portuguese ship L'Estrella d'Africque, we must most submissively report that, although in the sort of slaves of which the one and the other of those two cargoes consisted no preferable difference was to be found, the mentioned difference was caused both because the slaves of Le Telemaque were for the most part sick and had lost their outward appearance, and therefore it was not deemed advisable to purchase the whole cargo, nor even the greater part thereof; for which there was all the more reason, seeing that shortly before the cargo of L'Estrella d'Afrique had been purchased and sold off again, the sale of a new multitude of slaves in such a short space of time could very easily cause the price thereof to drop to such an extent that one would have been left stranded with a part of them, which, as generally happens with the imported slaves before they have become accustomed to this climate, are very subject to mortality; wherefore, from that cargo, only the healthy, young, robust, and most presentable having been selected, which the captain would not relinquish for a lower price than that of 120 Spanish matten each, one has, for the mentioned reasons, found such a price to be entirely reasonable, since
Dutch transcription
gedurende zijn aanweesen van 40 dagen alhier, niet alleen hier door maar ook daar en boven nog meer verhinderd geworden, aangezien voorm: Fiscaal Serrurier, twee dagen voor de aankomst van ged: Bodem overleeden zijnde, den toen het Fuscaals ampt waarneemende adjunct, zig ten dien fine niet na de Baaij Fals begeeven konde; alzo zijn perzoon ter zelver tijd alhier wierd verEijscht. — §9. Terwijl belangende voormelde Lieutenant van den Bogaard, mitsg:s den bootsman Gerrit van Os en den schieman Hendrik Goggel H Goggel, vermits dezelve zig g'im„ pliqueert vonden in de zaak van den Capp: Swart, en na dat op 't schip T Zeepaard alles weder in de nood¬ zakelijke ordre en rust was hersteld, den Lieutenant van den Bogaard uit het arrest, mitsg=s den Bootsman van Os en schieman Goggel, uit de — Boeijen, waar in zij zig op het schip 's Huijs te spijk bevonden, ontslagen waren geworden, ver„ volgens den eersten en laatsten in hunne respective qualiteiten, dog den Bootsman van Os, buiten dienst verder naar Batavia de zijnde onze gehouden ge„ „drag in die zaak egter bij de Heeren der hoge In„ „diasche regeering als ge„ „heel kwalijk gehandeld beschouwd. de reijze vervorderd hebben, alwaar dezelve zo wel als meerm: Cap:n swart zig hebben gevonden te regt gesteld: § 10. Hebbende wij met leedweezen uit de aanschrijvens der Heeren van de Hogje Indiasche Regeering sub 5 maij 1786. moeten verneemen, dat hoogst dezelve onze gehou„ „dene behandeling in de zaak van meergem: Cap Swart, wel verre van dezelve te approbeeren, als geheel kwalijk behandeld hebben beschouwd, met zodanige verdere Last en ordres als dezelve aan„ schrijvens komt te behelsen, waar„ van van die zijnd slave gav 511. van den Capitain ter Zee du Minij berigt gevorderd zijnde ten opzigte van den slaven handel op Mada„ gascar en Mosambicque van mitsg=s van het daar bij ge„ horend berigt Copia 's authenticq tot uwer wel Edele Hoog Agtb=r nadere Elucidatie neevens dee„ „zen werden overgezonden: Ten belange van de ophelde„ „ringe welke uwe wel Edele Hoog Agtb: bij §12. komen te begeeren, zo wel noptens het gedrag van den Capitain ter Zee Francois du minij„ uit welke de veronderstelling /als of Fouille Pointe de eenige plaats op het Eiland Madagascar was, alwaar bekwaame slaven voor de Comp:e in te handelen zoude zijn:/ is voortgevloect, als ten aanzien van de bevoegdheid welke het hoofd der Fransche Natie op de gemelde plaats schijnt te hebben gehad, om dien handel te beletten, mitsg:s ook verders op het geene bij de volgende § 13, 14, 15, 16 en 17 blijkt, dat ten opzigte van den slaven handel op Madagascar en Mosambicque, als meede ten aanzien van de vaart onder de vlag en het Paspoort der Portugeeschen, Uwe wel Edele Hoog Agtb: tot elucidatie verstrekken moet, van gede Cap.:n du Minij, denwelken tot dien handel is g'Emploijeert de ho ge „renn kosten slaven tegen is aan geweest 52. is aan den ondergeteeken„ de hoofd administrateur gedemandeerd te formee, „ren een reekening nopens de kosten der ingehandelde slaven op Mosambicque tegens die op Macagascar geweest, en daar van de meeste kennisse en ervarendheid bezit, gevordert zijnde een uitvoerig berigt met de consideratien, welke denzelven bevinden zal ter zake te kunnen dienen: En ook aan den ondergeteek Hoofd administrateur Johannes Isaac Rhenius, gedemandeerd hebbende, het doen formeeren, van zodanige reekening, koop„ mans wijze ingerigt, als dienen moet, niet alleen om aantetonen hoe veel de op Mosambicque ingehandelde slaven de Comp: te staan komen, maar ook om eene 3/3. welke berigten ingekomen zijnde aan uwe wel Edele Hoog agtb:s zullen werden gesuppediteerd. eene vergelijking te maken van de kosten, welke de Comp: op gelijke wijze bereekend, gedragen heeft bij den aanvoer der slaven van Madagassar, ten einde na die ingekomene berigten, met bij„ voeging van onze Consideratien te kunnen beantwoorden, de poinc¬ „ten, door Uwe wel Edele Hoog Agtb:, bij de gem: paragraphen 12 tot zo voorgesteld. - zullen wij niet in gebreeken blijven zo dra deeze berigten ingekomen zullen zijn, met bij „voeging van de aanmerkingen welke daar omtrent nog dienstig vieden „schil kogte lle d' perre ene ged gedetailleerd verslag no„ „pens de reedenen van't ver„ „schil in de prijzen der inge„ le Pelemacque en l'Estrella d' Africouie. - § 14. vinden mogten, uwe wel Edele Hoog agtb: te doen toekomen. - Gelijk ten reguarde van het verschil in de prijzen der kogte slaven van de scheepen slaven, dewelke van het Fransch schip le Pelemaque en 't Portugaat schip L'Estrella d'Africque, zijn ingekogt, onderdanigst moeten berigten, dat wel in de zoort van slaven uit dewelke de eene en andere van die twee Carquasoenen hebben bestaan, geen geprefereert onderscheid te vinden is geweest, maar dat het gem: verschil is veroor„ zaakt geworden, zo wel om dat de van g gelijke tie inc, den slaven van le Telemagae mees„ „tendeels ziek waren en hun Uit„ „terlijk aanzien verloren had„ den, en mits dien niet raadzaam wierd geoordeeld het gantsche Carquasoen, nog ook de grootste parthij daarvan in te koppen; tot het welke men daar en boven zo veel te meer reden had, gemerkt kort bevorens het Carquasoen van l'Es„ „trella d' Afrigue ingekogt en weder afgezet geworden zijnde de ver„ koop van een nieuwe menigte sla„ „ven in zulk een kort bestek van tijd zeer ligtelijk de prijs derzelve zodanig konde doen dalen, dat men met met een deel derzelve zoude heb¬ „ben moeten blijven zitten, welke, gelijk doorgaane met de aan„ gebragt werdende slaven, al eer zij zig aan dit climaat gewend hebben, toegaat, zeer aan de sterffelijkheid onderhevig zijn: waarom ook van dat Carguasoen alleen de gezonde, Jonge, robuste en aanzienlijkste uitgezogt zijnde, welke den Capitain tegens geen minderen prij& als die van 120 spx: matt: yder, heeft willen afstaan, men om de gem: reedenen, een zodanige prijs, allezints billijk heeft bevonden, daar Uit aam
English
the pleasure expressed by your Right Honourable Lordships regarding the garrisoning of the remote bays, as among these sorted slaves there was not a single one on whom a profit was not expected, while the Captain, had he been obliged to keep the remainder, had to expect great loss, just as of the remainder since that time several have died here daily and very few have survived. Paragraph 15. It having further served us as a great honour, the pleasure which your Right Honourable Lordships have been pleased to take in the measures taken here, both to obtain information with all speed concerning everything that might occur along the eastern coast, and for the garrisoning of the four bays extending in that direction which had been completely devoid of guards. Paragraph 16. Just as also the undersigned governor considers it no less an honour, the confidence which it has pleased your Right Honourable Lordships to place in him for the care of that which belongs to the state of defence of this place, in the hope and expectation that in the memorandum concerning the said state of defence, which he has the honour to transmit to your Right Honourable Lordships, it will have been demonstrated in a satisfactory manner of what importance Robben Eijland ought to be considered, both in the unexpected event of an attack on the Caab and in the defence thereof. Paragraph 17. As we are most clearly penetrated and convinced of the increasing burdens of this Government on the one hand, and the necessity on the other hand that the financial capacity ought thereby to be alleviated, we let no means be lacking, nor do we let any opportunity pass by which some relief in those burdens can be brought to the Company, as we hope your Right Honourable Lordships will have received the proofs thereof, both in the profitable slave trade that was conducted and in the advantageous sale carried out of the land of the old Hospital and other house lots. But since these temporal profits can by no means be sufficient for that purpose, but one feels the urgent necessity that the Company ought in the long run to be accommodated in bearing those burdens through equitable ways, your Right Honourable Lordships are pleased to rest assured that, whilst being mindful of the means that must continually serve that purpose, every care is also taken to finally reach that peaceful and happy period in which those means, of which we have taken the liberty to present some to your Right Honourable Lordships in our submissive separate letters of 19 April of the aforesaid year, can successively be introduced and made effective. Paragraph 18. And the aforementioned Chief Administrator Rhenius, together with the also undersigned cellar master mr Jacobus Johannes Le Sueur and the Dispencier Tobias Christiaan Ronnenkamp, have furthermore been instructed to trace and collect with all possible accuracy the documents, as well as to investigate what further is required to elucidate your Right Honourable Lordships on the requisitions appearing in paragraphs 34 and 35, as well as in the memoranda belonging thereto, to the end that they may find themselves provided, as closely as ever possible, with that which appears from them to be still lacking for the settlement of the account that remains open between the crown of France and the Company; of which the result will therefore also follow on a subsequent occasion. Paragraph 19. The approval which your Right Honourable Lordships have been pleased to grant in paragraph 36 regarding the acknowledgement shown to the Lord Knight de Peinier having been found exceedingly agreeable, the observation made by the same will ever be kept in mind, so that in the future, by doing so, no equitable cause for displeasure be given to people of similar merit who have not been treated on the same footing; although here, with respect to the said Lord de Peinier, it was considered that one could not with propriety dispense therewith, as His Honour's presence in this Place had not resulted in expenses to the Company, as was observed here during the stay of the Lord General de Sutfrin, and the acknowledgement shown to the often-mentioned Lord de Peinier has by far not resulted in such costs to the Honourable Company. Paragraph 20. And the repeatedly mentioned Chief Administrator has been requested to pay attention [illegible]
Dutch transcription
het genoegen door uwe wel Edele Hoog agtb:s ge„ „len tot het bezetten der afgeleegene baaijen daar onder deeze gesorteerde slaven zig niet een eenige bevond, op welke geen profijt wierde te gemoed gezien, terwijl den Cap n met de overige te moeten aan„ houden, veel verlies te verwagten had, gelijk van de resteerende zedert ook dagelijks alhier over„ leeden en zeer weinige overgebleeven zijn. - 8 /5. Hebbende het ons wyders tot veel „nomen in de maablegu, eere verstrekt het genoegen welke Uwe wel Edele Hoog Agtb: hebben gelieven te neemen, in de alhier genomene maatregulen, zo wel alle „sie in „vern welk oms ƒ g en zo §16. en zo meede het vertrouwen welke hoogst dezelve stellen in den ondergeteek: gou„ „verneur rakende het desen, „sie weezen alhier, is ons allen tot zeer veel Eere geweest om van al het geene er langs de oostelijke Cust voorvallen mogt, met allen spoed onderrigt te ver„ „krijgen als tot het bezetten der vier daar heen strekkende, geheel van wagten ontbloot geweest zijnde, baaijen.= Soo als ook den ondergeteek gouverneur zig niet minder tot eere reekend, het vertrouwen welke het uwe wel Edele Hoog Agtb: behaagd, in hem te stellen, ter behartiging van het geene tot het defensie weezen deezer plaatze behoord, in die hoope en verwagting, dat bij de memorie rakende het gem: defensie weezen dewelke de ver leeven zullende geene geleegend„ „heid laten voorbij gaan om de maatschappije eenige verligtinge in de dragende lasten toete„ brengen. . dewelke hij de Eere heeft aan Uwe wel Edele Hoog Agtb: overte zenden, op eene voldoende wijze zal zyn aangetoond, van wat aanbelang het Robben Eijland, zo bij het onverhoopt attacqueeren van de Caab, als het verdedigen van dezelve, behoord te werden geconsidereerd. §17. Daar wij ten duidelijksten gepenetreerd en overtuijgd zijn van de aangroeijende Lasten deezes Gouvernements, aan de eene en de noodzakelijkheid aan de andere zijde dat het finantieel vermogen vermogen daar meede behoord te werden verlenigd, laten wij ook geene middelen ontbreeken, nog ook geen geleegendheid voorbij gaan, langs welke aan de Maat„ „schappij eenige verligting in die lasten kan werden toegebragt, gelijk wij hopen dat uwe wel Edele Hoog: Agtb=rens daar van de preuven zullen hebben erlangd, zo wel bij den gedanen profij„ „telijken slaven handel, als bij de werk gestelde avantagense verkoping van den grond van het oude Hospitaal en andere huis Erven: dan Uwe ize d aan tiel gen waar van Uwe wel Edele Hoog agtb:e zig gelieven verzeekerd te houden Dan aangezien deeze temporeele winsten daar toe in verre na niet toerijkende kun, zijn, maar men de dringende noodzakelijk, „heid gevoeld, dat de Maatschapppij op den duur langs billijke weegen in het dragen van die Lasten be„ „hoord te werden te gemoed gekomen gelieven uwe wel Edele Hoog Agtb: zig verzekerd te houden, dat men„ met bedagt te zijn op de middelen die daar toe steeds verstrekken moeten, ook alle zorgvuldigheid aanwend, om eindelijk eens tot dat rustig en gelukkig tydstip te mogen geraken, in welke die middelen, en Per tev „ken in aan 518. en is aan de nevens gem: Perzonen opgedragen, omme te verzamelen alle de stuk„ „ken relatief tot de scheepen in den laatsten oorlog aan de franssen afgestaan middelen, waar van wij de vrij„ „heid genomen hebben, eenige bij onze onderdanige apparte letteren van den 19 april des voors: Jaars aan uwe wel Edele Hoog Agtb=ren voortedragen, successievelijk kun„ „nen werden ingevoerd en werk, „zaam gemaakt:- zijnde verders aan voorm: Hoofdadministrateur Rhenius, neevens de meede ondergeteekende keldermeester mr Jacobus Johannes Le Sueur en den Dis„ „pencier Tobias Christiaan Ronnenkamp, opgedragen, om met alle mogelijke acturatesse nate„ gaan oreele ij gen en agtb: men, n n 9 „gaan en te verzamelen de stukken, mitsg=s ook te onderzoeken het geene verders nodig is, om uwe welEdele Hoog Agtb: te Elucideeren, op de requi„ „siten bij de paragraphen 34 en 35. ' mits„ „gaders ook bij de daar nevens ge„ horende memorien voorkomende, ten einde hoogst dezelve zig zo na im„ mers mogelijk, voorzien zullen mogen vinden van het geene daar uit blijkt nog te ontbreeken, tot het vereffenen der reek die er tusschen de kroon van Frankrijk en de Comp: is open„ staande: waar van het resultaat dierhalven meede bij eene nadere gelegend heid staat te volgen. zal door agt „ma steed gehou Ten n, de goedkeuringe omtrent 't betoonde aan den Heer Ridder Peinier ons zeer aangenaam geweest zijnde zal egter d'aanmerking door uwe wel Edele hoog agtb: op dat susjet ga„ „maakt in 't vervolg steeds in 't oog werden gehouden §19. Ten uittersten aangenaam gevon„ den zijnde, de goedkeuringe welke uwe wel Edele Hoog Agtb=s bij § 36. hebben gelieven te verleenen omtrent de aan den Heer Ridder de Peinier, betoonde erkentenisse zal steede in het oog werden gehouden de door Hoogst dezelve gemaakte aanmerkinge, ten einde in het vervolg met zulks te doen, geen billijke reeden van ongenoegen wer„ de gegeeven aan Luijden van gelijk„ zoortige verdiensten, dewelke niet op denzelfden voet zijn behandeld geworden, ofschoon men alhier ten opzigte van gem: Heer de Peinier heeft geene Edele requi, 35. mits„ ten mogen blijkt efenen en„ taat heeft geconsidereerd gehad, zig daar van met geen gevoeglijkheid te kun„ ƒ nen dispenteeren, daar zijn Edelens aanweezen ter deezer Plaatze niet tot Lasten der Maatschappij verstrekt hebbende, gelijk zulks bij 2 het verblijf van den Heer generaal de Sutfrin, alhier is geobserveerd geworden, de aan welgem: Heer de Peinier toegebragte erkentenisse ook in verre na tot zodanige kos„ „ten van d' EComp: niet heeft verstrek„ gehad. - § 20. En is aan meermelde Hoofdad„ „ministrateur gedemandeerd, attentie voor ont den te sL
English
Since the head administrator has been requested to pay attention to sending the expense accounts of the State ships, it has been instructed to the undersigned to take care that the order given by your Right Honourable Nobilities in paragraph 38 regarding the transmission of accurate accounts, both concerning the supplies furnished to the State ships and what shall be consumed for their sick, is continually complied with. Respectful expressions of thanks are extended to your Right Honourable Nobilities for your highest disposition, by virtue of which we have already been provided here, on behalf of the presiding Chamber of Amsterdam, with a necessary quantity of fine cardboard, as well as the ink and stamps. Section 22. Report having already been given to your Right Honourable Nobilities regarding the sale of the merchandise, we hope that your Right Honourable Nobilities will have been satisfied with the measures taken therein. While we hope that since the dispatch of your aforementioned letter of 28 December 1786, your Right Honourable Nobilities may have already received our most humble letters of 1 July 1786 and 24 April of the past year 1787, and that in reply to the further report required in paragraph 40 concerning the means employed toward a profitable sale of the merchandise sent hither, your Right Honourable Nobilities will please be satisfied with the measures which, in paragraphs 27, 28, and 29 of the first, and 34 and 35 of the last of our respectful letters, along with the transmission of the yields regarding what has already been sold, were reported: namely, what we have employed here and continue to employ in order to dispose of the aforementioned goods sent for sale, in such manner as may yield the greatest profit and the least detriment to the Honourable Company. Section 23. The suppliers of the Constantia wines having already been informed of your Right Honourable Nobilities' instruction regarding those wines, we take the liberty to refer to what has already been presented to your Right Honourable Nobilities regarding this point. Regarding the instructions that your Right Honourable Nobilities were pleased to give us concerning the treatment of the Constantia wines, both for their shipment and sale, an extract, along with copies of the reports received in that regard, has been delivered to the aforementioned Senior Merchant Le Sueur as cellar master, in order to obtain the necessary information in this matter from the owners of the estates at Constantia. Section 24. Furthermore, pursuant to the recommendation of your Right Honourable Nobilities to give further thought to this important matter and to put into practice everything possible so that the Company may enjoy the greatest and best fruits from this branch of its trade, this has likewise been attentively deliberated by us and taken into further consideration, along with the objections that previously arose in this regard and the method that was then judged best to secure that branch of the Company's trade for it, as we took the liberty to submit to your Right Honourable Nobilities in our respectful letters dated 1 July 1786, from paragraph 14 to 19; but finding as yet that no other or better means can be taken in hand in this regard, may it please your Right Honourable Nobilities to permit us to continue most respectfully to refer to that same submission. Section 25. For what reasons the report of the outcome of the proceedings against the persons guilty of committing beach robbery at the Danish ship Nicobar was omitted: Your Right Honourable Nobilities having further been pleased to indicate in paragraphs 44 and 45 regarding the proceedings held against those guilty of the beach robbery committed around the Danish ship Nicobar, that one should not have failed to report what the outcome of the same proceedings had been, we most respectfully beg pardon for the omission committed therein, as it was caused by the fact that we have hitherto remained unable to attach thereto a dutiful notification concerning the consequences of the appeal lodged by Jacob van Rheenen, who was also implicated in that case, against the sentence passed against him by the Council of Justice here. Section 26. The judicial papers relating thereto are therefore now sent herewith. Copies of the proceedings and the documents belonging thereto have therefore been drawn from the judicial secretariat, together with the sentences passed against the said Jacob van Reenen as well as the other accomplices in the aforementioned case, which are now transmitted herewith. Section 27. Your Right Honourable Nobilities expecting to be further elucidated by us regarding the appointments of a Surgeon Major and a third Surgeon, etc.: And with regard to your Right Honourable Nobilities having expected a more specific indication of the reasons which, in our opinion, served to demonstrate that neither in the appointment of a third practitioner for the Hospital, nor
Dutch transcription
daar „hoofd administrateur ge„ demandeerd attentie te slaan op 't verzenden der onkost reecq: van 's Lands scheepen 527. Eerbiedige dankbetuiging voor de bezorging van 't ontfangen Carton etc: zijnde aan den ondergeteek: te slaan, dat steeds voldaan werde aan de door uwe Wel Edele Hoog Agtb: bij de 38 paragraaph gestelde ordre tot het overzenden van nauw„ keurige reekeningen so wel aan„ „gaande de verstrekkingen aan 's Lands Scheepen, als van 't geene voor de zieken derzelve zal wer„ „den genoten. - Werdende Uwe wel Edele Hoog Agtb: zeer eerbiediglijk bedankt voor Hoogst derzelver dispositie, door welke men alhier van wegens de prasidiale Camer Amsterdam bereijds van een benodigde quanti„ teet te kun„ ens strekt dad„ nopens den verkoop der schappen bereijds aan uwe wel Edele Hoog agtb: berigt gegeeven sijnde „teit fijn Carton, beneevens de Inkt en Stempels voorzien geworden is. §22. Terwijl wij hoppen dat bij uwe wel Extra ordinaire Coopman, Edele Hoog Agtb; zedert het afgaan van hoogst derzelver vorengemelde aanschrijvens van den 28 Decb: 1786. bereeds zullen mogen zijn ontfangen onze zeer onderdanige Letteren van den 1: Iulij 1786. en 241: april des voorl: Jaars 1787. en dat hoogst dezelve ter beantwoordinge bij §40 gevorderd nader berigt, belangende de in het werk gestelde middelen tot een voordeeligen ver„ „koop der herwaards gezondene koope ge hopen wij dat hoogst dezelve in de maatregulen daarbij genoegen zullen hebben genomen. koopmanschappen &:a genoegen zul„ „len gelieven te neemen in de maat„ regulen dewelke bij de 27, 28 en 29 paragraphen van de eerste, en 345 van de laaste derzelve onze der„ biedige letteren, met overzending der renidementen wegens 't geene reeds verkogt geworden is, zijn berigt, dat wij alhier aangewend hebben en nog steeds blijven aanwenden, om de gem: ten verkoop gezondene goederen van de hand te zetten, zoda„ „nig als zulks ten meesten pro„ fijte en minsten nadeele der EComp zal mogen verstrekken. - §23. van het geene uwe wel Edelen Inkt en is. - ewel gaan an gen il inge de ver¬ de „ten wijnen bereijds geinfor„ „meerd geworden zijnde van uwer wel Edele Hoog agtb: aanschrijven nopens die wijnen neemen wij de vrijheid ons te refereeren aan het geene dit poinct betreffende, bereids aan Uwe wel Edele Hoog agtb: is voorgedragen de leveranviers der Constan, Edele Hoog Agtb=rs nopens de behande„ linge der Constantia wijnen, zo tot overzendinge als verkopinge derzelve, ons hebben gelieven aan, te schrijven, extract, beneevens Coppijen der dienaangaande ontfangene berigten, afgegeeven geworden, zynde aan voorm: opperkoopman Le Sueur als keldermeester, ten einde de bezitters der plaatsen op Con„ „stantia, deswegens de nodige informatien te doen erlangen: § 24. Is wijders op de aanbeveeling Uwer wel Edele Hoog Agtb=ren om over deeze aangeleegene zaak de gedagten nader te laten gaan, en al wat moge„ „lijk hande, lijk is in't werk te doen stellen, ten einde de Maatschappij van dezen zak van haren handel de meeste en beste vrugten te doen ge„ nieten, bij ons daar over meede met aandagt gedelibereerd, mitstgas in nadere overweeging genomen, de bedenkingen, dewelke dezen aangaande te voren bereyds daar op zijn gevallen, nevens de wyjze die als toen best is geoordeeld om dien zak van 's Comp: handel voor haar te verzeekeren, zo als my de vrijheid hebben genomen zulks bij onze Eerbiedige Letteren sub dato 1. Julij 1786. afgegaan van 514. tot 19 aan oping ge aan, Coppijen gene zijnde een g dagter om welke reedenen versuimd geworden is, het berigt van Jegens de schuldige aan het pleegen van Strand„ roof bij't deensch schip Nicobar. aan Uwe wel Edele Hoog agtb=en voor„ tedragen, dog als nog bevindende dat dienaangaande geen ander op beter middel kan werden by der hand genomen, gelieve Uwe wel ens Edele Hoog Agtb=ren te permitteeren, dat wij ons aan dezelve voordragd Eerbiedigst blijven refereeren - § 25 Uwe wel Edele Hoog Agtb=rens lem den uitslag der procedure wijders bij 344. en 45 ten belange van de gehoudene protedures te„ „gens de schuldige aan den ge„ pleegden strandroof omtrend het Deensch schip Nicobar, gelievende te kennen te geeven, dat men niet lad _ m: 17o2 had behoren te verzuimen berigt te geeven, hoedanig den uitslag van dezelve procedures was ge„ „weest, verzoeken wij wegens het daarinne begaan verzuim, eerbie„ „digst om verschoninge, als ver„ oorzaakt weezende, door dien men voor als nog buiten staat is geblee„ „ven, om daar nevens te voegen een schuldige kennis geeving, betreffende de gevolgen, die het, door den in die zaak meede betrokkene Iacob van Rheenen, van het tegens hem bij den Raad van Justitie alhier gevallen vonnis, geinterjecteerd appel, heeft gehad: zijnde H de op geb be nge de had gaande de Justitieele papieren daartoe betrek„ over §27. Uwe Wel Edele Hoog agtb:s verwagtende door oons nader g'elucideerd te werden nopens de aan„ „stellingen van een Chirurgijn masjor, en een derde Chaaur zijn etc: §26. zijnde dierhalven van de Ius„ kelijk thans nevens dezen titieele secretarije geligt, Copijen der procedures, en daar bij geho„ „rende stukken, mitsg=s de vonnissen zo wel tegens ged. e Jacob van Ree„ „nen, als de verdere meede schul„ „dige in de voortz zaak gevallen, en dewelke thans werden overgezonden En ten aansien uwe wel Edele Hog agtb: verwagtende waaren, eene meer bepaalde aanwijzinge van de reedenen, welke 'er na onze ge„ „dagten ten betoging dienden, dat nog in de aanstelling van een derde practizijn voor het Hospitaal nog vin hoog rever van en de dan
English
we find ourselves obliged respectfully to provide your Honors with the adjacent report and the reasons that gave occasion thereto, whether in that of a Surgeon Major, along with two Under-Surgeons for the garrison, any costs were caused to the Company which, without substantially prejudicing it in other respects, could have been saved, as this appears more fully in the 53rd, 54th, and 55th paragraphs of your Right Honorable Worships' aforementioned venerated letters. We therefore find ourselves obliged respectfully to serve you notice that, since at the appointment of the third Surgeon at the Hospital, that increase of the Company's ordinary troops had not yet been foreseen, the necessity of which was encountered shortly thereafter; and indeed for a better treatment of the sick, who (as until now no other means for accommodating them has been at hand) must be attended in two distinct buildings separated far from each other, a third Surgeon was appointed for the Hospital; yet a few months later, when this third Surgeon had died, and the undersigned Head of the militia, Gordon, had demonstrated the necessity thereof, it was decided henceforth to have the sick from the garrison separated from those brought in by the ships; for which purpose, as well as for the attendance of the garrisons in the widely distant eastern bays, which had given occasion to the aforementioned increase of the aforesaid Company's ordinary troops undertaken here subject to approval, the appointment of a Surgeon Major and two Under-Surgeons took place, since which time, however, the post of third practitioner in the Hospital has been left vacant; which cited reasons we also hope may be considered by your Right Honorable Worships as satisfactory for the removal of the supposition that arose with your Honors, from which the demand for the aforementioned explanation originated, as if, along with a Surgeon Major, a third practitioner had also simultaneously been retained in the Hospital. Section 28. But since your Right Honorable Worships also seem to desire the aforementioned explanation with regard to the appointment of the said Surgeon Major, insofar as thereby no costs were caused to the Company which could have been saved without the aforementioned detriment: Section 29. A further specification and indication of the reasons has been demanded from the said Colonel and Chief Gordon as to why the said Surgeon Major ought necessarily to be continued in the service of the garrison; and whether any other means might be found to prevent the burden caused thereby to the Honorable Company, without this, however, resulting in detriment to the arrangement by which the sick from the garrison were separated from those of the ships, which arrangement was fortunate enough to carry the approval of your Right Honorable Worships. Section 30. These points regarding the appointment of the Surgeon Major with the garrison and that of a third Surgeon in the Company's Hospital having thus been dealt with, insofar as this serves in reply to the elucidations demanded by your Right Honorable Worships, we furthermore find ourselves obliged to report to your Honors regarding this: that since the First Chief Surgeon in the Company's Hospital, Pieter Domus, made known by petition that due to his increasing advanced years he found himself unable to continue attending to his aforementioned post in the Hospital properly and in such manner as he would wish, with the added request that he, both for that reason and because of a desire expressed by him to spend the remainder of his life in retirement and in peace, might be discharged from the said office of Chief Surgeon, and likewise from the service of the Honorable Company: Section 31. We thereupon granted the said Domus his aforementioned requested discharge, and likewise, upon his further request made in that petition, and in consideration of the fact that for a series of years he performed the service in the aforementioned Hospital in the respective capacities of First and Second Chief Surgeon to satisfaction, granted him rank alongside the former Burgher Councillors as former Members of the Court of Justice. Section 32. And, subject to your Right Honorable Worships' honored further approval, in place of the said Domus, the Surgeon Major and Doctor of Medicine Hendrik Le Sueur was appointed as First Chief Surgeon in the Hospital here, under his earning wage and current contract.
Dutch transcription
vinden wij ons verpligt hoogst dezelve hier op reverentelijk te dienen van het nevensgem: berigt en de reeden die daar toe aanleiding gegeeven hebben nog in die van een Chirurgijne kajer, beneevens twee onder Chirurgijns voor het guarnisoen, aan de maat„ schappij eenige kosten veroorzaakt waren, die zonder haar in andere opzigten wezentlijk te benadeelen zouden hebben kunnen werden ge„ spaard, gelijk dit breeder bij de 53, 54 en 55 paragraphen van uwe wel Edele Hoog Agtb: voorsz: gevenereerde Letteren voorkomt, vinden wij ons dierhalven ver„ pligt daar op reverentelijk te die„ nen, dat, dewijl bij de aanstelling van den derden Chirurgijn bij het Hospitaal nog niet te gemoed was gezien Ius„ Copijen geho„ onnissen ee en den e Hoog nog al gezien die vermeerdering van Comp: ordinaire troupen, tot welke men kort daar na de noodzakelijk„ „heid heeft ontmoet; en wel tot eene betere behandelinge der zieken, die /: gelijk 'er tot nog toe geen an„ „der middel ter plaatzing van dezelve aan handen is:/ in twee on„ der scheidene verre van elkanderen gesepareerde gebouwen, moeten wer„ „den bediend, een derde Chirurgijn voor het Hosppitaal heeft aangesteld, wijnige maanden later nogthans, wan„ „neer dezen derden Chirurgijn over„ leden was, en het onder geteek=d Hoofd der militie Gordon, de noodza„ kelijkheid „kelijkheid daar toe aangetoond had, men besloten heeft de zieken uit het guarnisoen voortaan te doen afzonderen van de geene die met de scheepen werden aangebragt; ten welken einde, gelijk meede ter bediening van de bezettingen in de wijd afgeleegene oostelijke Baaijen, die tot de voorsz:, op approbatie hier ondernomene vermeerdering van voorm: 'sComp: ordinaire trou„ pes, aanleiding gegeeven hadden, de aanstellinge van een Chirurgijn Majoor en twee onder Chirurgijns is geschied, zedert welke Tijd egter de Post van derde Practizijn in we eke elijk. ij wer¬ gijn eld s wan„ en die wij hopen dat als voldoende zullen werden geconsidereerd in 't Hloppitaal onvervuld gela„ ten is; welke aangehaalde reedenen wij dan ook hopen dat bij uwe wel Edele Hoog Agtb=rs als — vol„ „doenend zullen mogen werden op„ considereert, tot ontruiming van de bij Hoogst dezelve opgekomene veronderstelling, uit welke de vordering der voorsz: aanwijzin„ „ge is ontstaan, als of met een Chi„ „rurgijn Majoor ook nog gelijk tijdig nog een derde practizijn in het Hospitaal was aangehouden geworden, § 28. Dan dewijl Uwe wel Edele Hoog Agtb=s meede ten opzigte der aan„ Stellinge zijn „v „ve Chir Zake §29. zijnde van den ondergeteek Collonel en Chef Gordon ge„ „vorderd ien nadere opga „ve of den dienst van een Chirurgijn major nood„ zakelijk werd vereischt. stellinge van gem: Chirurgijn Majoor, de voorsz: aanwijzinge schijnen te verlangen, in zo verre ook daar meede aan de Maatschap„ pij geene kosten veroorzaakt zijn, dewelke zonder de vorengem: benadeeling zouden hebben kunnen, werden bespaard: Is van ged. e Collonel en Choff Gordon gevorderd, eene nadere opgave, en aanwijzinge van de reedenen, om welke gem: Chirurgijn Majoor ten dienste van het quar„ „nisven noodzakelijk zoude be„ „horen te werden gecontinueerd; en off er ook eenig ander middel zoude gela, d denen e vol„ 92n van ne in„ Chi„ k in worden. Hoog aan„ en of daar op buiten beswaar der E Comp: geen ander zijn- zijnde door het geobti„ „neerd ontslag van den Eersten opperchirurgijn in 't Hoopitaal Pieter Domus zoude mogen te vinden zijn, tot voor„ koming van het daar door aan d' EComp: veroorzaakt bezwaar; zon„ „der dat zulks nogthans verstrak middel te vinden zoude ke tot benadeeling van de schik „kinge, door welke de zieken uit het guarnisoen van die der scheepen zijn gesepareerd geworden: als wel¬ „ke schikkingen de goedkeuringe Uwer wel Edele Hoog Agtb: den heeft mogen wegdragen. - 330. Deeze poincten met re„ latie tot d'aanstellinge van den Chirurgijn Majoor bij 't guarnisoen en die van een derde Chirurgijn in 's Comp: Hospitaal, in zo verre sulx tot voor„ zulx diend ter beantwoordinge op de door Uwe wel Edele Hoog Agtb: gevorderde Elucidatien dus afgehandeld zijnde, vinden wij ons wijders verpligt, hoogst dezelve dienaangaande nog te moeten be„ rigten: dat zedert door den Eersten opperchirurgijn ien 's Comp: Hospitaal Pieter Domus bij request te ken„ „nen gegeeven zijnde, dat hij zig door zijne toeneemende hooge„ Iaaren buiten staat bevond, om desselfs voorsz: post in het Nos„ „pitaal langer na behoren en in diervoegen waarteneemen als hij zulks wel wenschte: met bijgevoegd aan zon„ 1 tren en wel nge baers als soen bijgevoegd verzoek, dat hij, zo uit dien hoofde, als door een brij hem te kennen gegeeven verlangen, om den overigen tijd zijns levens, afgetrokken en in rust te mogen slijten, van het gem: opperChirur„ „gijns ampt, en zo meede uit den dienst der EComp: mogt werden ontslagen 331. Wij hier op aan gemelde Domus zijne gem: verzogte de„ missie hebben geaccordeerd, en zo meede op zin bij dat Request verder gedaan verzoek, en ter consideratie dat denzelven ge„ „durende een reeks van Jaaren, den dienst in het voorsz: Nospitaal in §32. en d' aanstelling van den Chirurgijn major le siieur in die bediening. in de respective qualiteiten van eerste en tweede opperchirurgijn tot genoegen waargenomen heeft, aan hem toegevoegd den rang nevens: de oud Burgerraden als oud Leeden des Raads van Iustitie. — En is onder uwer welEdele Hoog agtb=r geEerde nadere appro„ batie in steede van gem: Domus„ wederom ten eersten opperchirur„ gijn in het Hospitaal alhier aan„ gesteld, den Chirurgijn Majoor en medecinae Doctor Hendrik Le sueur, onder zijn winnende gagie en lopend verband. - door zo bij an gen, n urg dienst lagen de, st ge„ taal in
English
The aforesaid post of Surgeon Major has become vacant and is still left unfilled. Section 34. The appointment of the Secretary of the Orphan Chamber, Ronnenkamp, as Purveyor and Member of our Council, and that of the Secretary Neethling as Member of the Court of Justice, having been disapproved by Your Rightly Honorable Worships. Section 33. Through which appointment of the aforementioned Surgeon Major Lesueur as First Chief Surgeon in the Company's Hospital here, the aforesaid post of Surgeon Major has likewise become vacant again and is also left unfilled. As it has furthermore appeared from several of Your Rightly Honorable Worships' respected letters, among others, that Your Worships' approbation could by no means be granted to the appointment of the former Secretary of the Orphan Chamber, Tobias Christiaan Ronnenkamp, as Purveyor, with the granting of a seat in our Council, as well as to that of the present Secretary of the Orphan Chamber, Christiaan Ludolph Neethling, as Member of the Court of Justice, since these appointments were considered to be in conflict with Your Worships' written explicit orders, and Your Rightly Honorable Worships were unable to consider as sufficient the reasons adduced by us to justify the step taken: Section 35. We therefore, immediately upon the receipt of these highly respected instructions, in our meeting of 14 July of the past year, after the aforesaid Purveyor Ronnenkamp had withdrawn from the same and this matter had been deliberated upon, in dutiful obedience to the highly venerated order of Your Rightly Honorable Worships, dismissed the said Ronnenkamp as a Member of our Council; Section 36. But taking into consideration at the same time the grievous pain which the said Ronnenkamp, on account of his many years of loyal service shown to the Honorable Company, would suffer thereby, and which would be so much more aggravated if that dismissal would also have to be accompanied by his discharge as Purveyor and the loss of the Rank which he had already enjoyed as a Member of the Council, under a very humiliating stepping back to his former post as Secretary of the Orphan Chamber; which could not be understood to be the will and intention of Your Rightly Honorable Worships, since from Your Worships' aforementioned instructions it was understood that the true and primary objective merely entailed that persons not belonging to the Reformed Religion should remain excluded from the Council of Policy as well as from that of Justice; Section 37. We thereupon provisionally allowed the frequently mentioned Ronnenkamp to continue in his administration of the provisions, as well as in the rank of former Member of our Council; which we most humbly request that Your Rightly Honorable Worships, in consideration of the zeal and loyalty with which the said Ronnenkamp has ceaselessly attended to the service of the Company for a succession of years, may be graciously pleased to approve. At the same time, we take the liberty to present to Your Worships herewith an authentic copy of such a memorial as was submitted by the often-mentioned Ronnenkamp upon taking his leave from our meeting, in case it might still please Your Rightly Honorable Worships to cast some favorable regard upon it, since we judged that we could not refuse the request presented in that memorial that it might be inserted into the resolution and submitted to Your Rightly Honorable Worships. The Pay-Bookkeeper Matthiezen and Burgher Councillor Bletterman, on account of their religious denomination, having likewise been unable to retain a seat in the Court of Justice, they, as well as the aforementioned Neethling, have been dismissed therefrom with the rank of former Members. Section 38. And since Your Rightly Honorable Worships, with the disapproval of the appointment of the above-mentioned Secretary of the Orphan Chamber Neethling as a Member of the Court of Justice, were also pleased to further reveal Your Worships' absolute will and intention regarding the denomination to which the persons forming that Council must exclusively belong, and that it naturally followed therefrom that the Pay-Bookkeeper Clement Matthiezen Junior and the Burgher Councillor Johannes Matthias Bletterman could likewise no longer retain a seat in the said Court of Justice, as both are incorporated into the Lutheran church congregation, and who, pursuant to what was already advised in our humble letter of 3 March last, were likewise appointed on 19 September and 27 December of the past year as Members of the said Council for the reasons then stated; Section 39. We have therefore, in compliance with this very venerated intention and purpose of Your Rightly Honorable Worships, likewise dismissed the aforementioned Neethling, Matthiezen, and Bletterman from their further sitting in the often-mentioned Court of Justice, and [illegible]
Dutch transcription
den voorsz: post van Chi„ „rurgijn major open ge„ vallen en als nog onver„ „vuld gelaten § 34. d' aanstellinge van den secretaris der weeskamer Ronnenkamp tot dispin„ „cier en lid in onzen raad. §33. Door welke aanstellinge van voorn: Chirurgijn Majoor Le sueur, tot Eerste opperchirurgijn in 's Comp: Hospitaal alhier, over sulx de voorsz: Post van Chirurgijn O Majoor wederom opengevallen, en meede onvervuld gelaten is. - Uit meerm: Uwer welEdele Hoog Agtb=res gerespecteerde Let„ „teren onder anderen meede zijnde komen te blijken dat Hoogst denzelve approbatie geenzints hadde mogen wegdragen de aanstelling van den geweesen secretaris der wees„ „kamer Tobias Christiaan Ronnenkamp agt door tot en N zijn en die van den secretaris Neethling tot lidt van Justitie door uwe wel Edele Hoog agtb: gedisapprobeert zijnde. tot Dispencier, met verleening van sessie in onzen Raad, mitsg=s die van den Jegenswoordigen secre„ taris der weeskamer Christiaan Ludolph Neethling tot Lidt in den raad van Justitie, als welke aanstellinge zijn aangemerkt geworden, te strijden met hoogst„ „derzelver aangeschreevene uit„ drukkelijke ordres, zonder dat Uwe wel Edele Hoog Agtb= voor voldoende hebben kunnen houden, de door ons bijgebragte reedenen om dien gedanen stap te wettigen: § 35: zo hebben wij dadelijk na den ontfangst, van over irurgijn len, is. — Edele derzelve zijnde in wees, nkame 1 daar op als lidt des raads wederom ontslagen. dog denzelven om de nevens gem: reedenen ge„ van het dispens met den rang als oudlidt van den raad. - is voorm: Ronnenkamp ontfangst deezer zeer geEerbiedigd aanschrijvens, in onze vergadaring van den 14. Iulij des voort: Jaars, na dat voorsz: Dispencier Ron „nenkamp uit dezelve getreeden, en hier over gebesoigneerd geworden was, ter schuldige obedientie aan de zeer gevenereerde ordre van uwe wel edele Hoog Agtb: ged=t Rönnenkamp, als Liot van onzen Raade ontslagen: § 36. Dog daar bij teffens in consi„ laten in d'administratie „ deratie genomen weezende, de gevoe„ „lige smerte, die denzelven Ron„ „nenkamp, mits desselfs aan d'EComp: betoonde lang Jarige en trouwe diensten biedigd diensten, daar door kwam te ondergaan, en dewelke zig zo veel te meer zoude verswaard vinden, zo wanneer met dat ont„ „slag meede zoude hebben moeten verzeld weezen, desselfs demissie als dispencier, en het gemis van den Rang, die denzelven als lid van den Raad reeds genoten had, onder eene zeer humiliante te rug treeding tot desselfs vorige post als secre„ tarie der weeskamer, hoedanig niet heeft kunnen werden opge„ „nomen de wil en meening van uwe wel Edele Hoog Agtb=res te ga daring Rom den aan ge eede 6 d:e consi„ gevoe¬ p: ten waar op Uwer wel Edele Hoog agtb:r approbatie Eerbiedigst verzoeken te zijn, daar uit hoogst dezelve voorm: aanschrijvens begreepen was, het waare en voorname oogmerk alleen meede te brengen omme uit den raad van Politie zo wel als uit die van de Justitie gesecludeert te doen blijven, Perzonen, niet zijnde van de gereformeerde Godsdienst: §37. Hebben wij daar op meerm Konnenkamp provisioneel laten continueeren in desselfs administratie van het dispens, mitsg.:s in den rang als oud lidt van onzen raad, het geen onderdanigst verzoeken, dat Uwe Copsia m nen ge onder ezelve onder overzending van Copia authenticq eener memorie door ged:e Run„ „nenkamp aan ons over„ gegeeven- uwe wel Edele Hoog Agtb=ren uit aanmerking van de Zele en trouwe met welke denzel„ „ven Ronnenkamp den dienst der Maatschappije een reeks van Jaaren agter een, onophou¬ „delijk heeft behartigd, goedguns„ tigst gelieven te approbeeren: terwijl wij teffens de vrijheid neemen hoogst dezelve nevens deezen aantebieden, Coffia authenticq van zodanige me„ „morie als door meergem: Ron„ „nenkamp, afscheid uit onze vergadering neemende, wierd overgelegd, of het uwe wel Edele reef reepen e brengen tie titie Meerm el lfs den zoldij boekhouder Matthiezen en Burger, „raad Bletterman uit hoofde hunner gezindheid meede geene sessie in den raad van Justitie hebbende kunnen blijven behouden Edele Hoog Agtb=rens nog mogte behagen daar op eenig gunstig reguard te slaan, daar wij ge„ oordeeld hebben het bij die memo„ „rie voorkomend verzoek, dat dezelve bij de resolutie mogt werden g'insereerd, en aan Uue wel Edele Hoog Agtb: gesup„ „pediteerd, niet te kunnen van de hand wijzen. - § 38. En nadien Uwe wel Edele Hoog Agtb=rens met de disapro„ batie der aanstellinge van den hier voren gerepten Secretaris der Weeskamer Neethling, tot Eidt gte lidt des raads van Justitie, ook Hoogstderzelver volstrekte wil en meeninge belangende de gezinte, tot dewelke alleen de perzonen dien raad formeerende behoren moeten, nader aan den dag hebben gelieven te leggen, en dat daar uit van zelve volgde, dat bij gem: raad van Justitie meede langer geen zitting kon„ „den blijven behouden, den zoldij Boekhouder Clement Matthie„ „zen Junior, en den Burgerraad Johannes Matthias Bletter„ „man, als beijde de lutherse kerk gemeente ingelijfd weezende, en stig ge„ mo„ Uule van d zijn dezelve zo wel als voorm: Neethling met den rang als oud Leeden daar van ontslagen geworden en dewelke ingevolge het bereids geadviseerde bij onze ootmoedige letteren van den 3:e maart laatst„ „leden, op den 19 Septb: en 27: Decb:r des gepasseerden Jaars, om de toen opgegeevene reedenen meede als Leeden des gemelden raads. zijn aangesteld geworden: § 39. zo hebben wij derhalven ter beantwoordinge aan deeze Uwer wel Edele Hoog Agtb=s zeer ge„ „venereerde intentie en oogmerk, voorm: Neethling, Matthiezen en Bletterman, van derzelver verdere sessie bij meerm: raad van Justitie meede ontslagen ende raa
English
Already § 40. which persons came into consideration to fill the positions thereby fallen vacant in the Council of Justice, and this subject to Your Honorable Grand Lordships' favorable approval, likewise retaining their rank as former members of the aforesaid council: after which, having taken into consideration the necessity that the positions of the aforementioned three members, especially on account of the numerous proceedings currently pending before the Council of Justice, should be filled by other qualified persons as speedily as possible: § 41. for which, since the merchants, titular merchants, and junior merchants serving outside the Cape could by no means assist in that council, and that the junior merchants present, Pieter Diederik Boonacker and Oloff Marthinus Bergh, belonged to the Lutheran church congregation, but for which reasons they had to be excused from it, otherwise the junior merchants Casparus van Eerten and Egbertus Bergh might still have come into consideration, but regarding which matter the aforesaid van Eerten, both to the undersigned Governor and to the Secunde, the latter in his capacity as President of the Council of Justice, first verbally and subsequently in writing, most urgently requested to be excused therefrom, professing that he had applied himself with all diligence solely to his service in the Trade Office, and that the continuous duties which this service afforded him had also not permitted him to apply himself to any knowledge of the law, and that finding himself therefore destitute of the qualifications to conscientiously hold the office of judge, his years had already advanced so far that it would be fruitless for him now to attempt to undertake an application thereto, and for which, moreover, his continuous official occupations would leave no time: while with respect to Egbertus Bergh, the religion to which he might adhere having been investigated by the undersigned Governor before being able to propose him, whereafter, following a verbal declaration made in that regard by the said Bergh, it was further explained in a missive accompanying this in copy that his sentiments on the matter of religion conform so far with the Augsburg Confession that if he were compelled immediately to make profession of faith, he would not hesitate a moment to embrace the Lutheran doctrine. Thus the stipulation that had to be observed in that regard caused no small impediment. § 42. In such a way the stipulation that now had to be observed caused no small impediment in the election of qualified members to the aforesaid Council of Justice, whereas on the other hand the savings for the Honorable Company were found to be so earnestly recommended by Your Honorable Grand Lordships, and the promotion of members to the said council from persons not having the quality of junior merchant would bring a new burden, because such persons would not fail to aspire to the aforesaid quality of junior merchant, with the rank of merchant, as was assigned by Your Honorable Grand Lordships to the members of the Council of Justice, since it would be very improper to let someone occupy the seat in that council under a lower rank than the other members possess: § 43. but it being taken into consideration that regarding the private secretary of the undersigned Governor, Carel Mappa, upon his respectful though favorable recommendation submitted to Your Honorable Grand Lordships, a favorable decision toward his promotion to junior merchant was indeed hoped and expected; and from the proofs of capability in the service given by him up to now, it was to be expected that he might be a useful member in the said Council of Justice: § 44. we have likewise, subject to Your Honorable Grand Lordships' favorable approval, provisionally appointed the said private secretary Mappa as a member of Justice with the rank appertaining thereto. The private secretary Mappa is appointed member of Justice. § 45. And since hereby one position of the Honorable Company's servants in the aforesaid council still remained vacant, the seat of the above-mentioned retired Burgher Councilor Bletterman was also provisionally left unfilled, and two places in the said council left provisionally unfilled, until, having considered this further and more maturely, some possibility shall have been found to replace both of them: as was also insisted upon by the undersigned Secunde Rhenius as President of the Council of Justice, because frequently some members having to remain absent from the meeting due to illness or due to serving on one or another committee, the council found itself, with the appointment of the said single member against three who were discharged from it, too weak to adjudicate upon the cases that arose. § 46. At the same time, we having taken into further consideration the request made by the said junior merchant and shopkeeper Egbertus Bergh, in his aforesaid letter, request of the junior merchant Egbertus Bergh to be allowed to hold the title of merchant with the rank next to the present junior member of Justice,
Dutch transcription
Gereids § 40. welke perzonen ter vervul„ „ling van de daar door open„ gevallene plaatzen bij den raad van Justitie in as„ pect gekomen zijn ende zulx onder uwer wel Edele Hoog Agtb=s gunstige approbatie, insgelijks behoudens derzelver rang als oud Leeden van evengem: raad: na het welke in agting geno„ men hebbende de noodzakelijk„ heid, dat de plaatsen van voorm: drie leeden, voor al uit hoofde der thans bij den raad van Jus„ „titie onderhanden zynde mee„ nigvuldige procedures, door andere bekwaame perzonen ten spoedigsten wierden vervuld: §41. tot het welke, vermits de bui„ „ten de Caab in functie zijnde Cooplieden dige laatst De Cb meede raads. Uwer ge¬ erk en de dog om welke reedenen dezelve daar van hebben moeten werden g'Excuseerd Cooplieden Titulair, en onderkoop„ „lieden geenzints bij dien raad konden adsisteeren, en dat de aanweezige onderkooplieden Pieter Diederik Boonacker, en Oloff Marthinus Bergh, tot de Lutherse kerk gemeente behoorden, overigens nog in aspect zouden hebben kunnen komen, de onderkooplieden Casparus van Eerten, en Eg„ bertus Bergh, dog ten welken belange door evengem: van Eerten, zo bij den ondergeteek. gouverneur als secunde, den laatsten in qualiteit als president erkoop„ president des raads van Justitie, eerst mondeling en naderhand bij geschrifte op het instantigst was verzogt geworden, om daar van te mogen blijven ge„ Excuseerd, onder betuiging dat hij zig alleen met allen vlijt bewerd hebbende tot zijnen dienst op het Negotie Comptoir, de on„ ophoudelijke bezigheeden dewelke hem deezen dienst verschafte ook niet hadden toegelaten om zig op eenige kennisse des regts toeteleggen, en dat hij zig derhalven ontbloot vindende van de kundigheeden, om ge„ moedelijk ker, te de raad en k. dent moedelijk het ampt van regter te kunnen bekleeden, zijne Jaa„ „ren reeds zo hoog geklommen waren, dat het vrugteloos voor hem zoude zijn, nu een applicatie daar toe te willen onderneemen, en tot welke ook bovensdien zijne Continueele ampts orcu¬ „patien geen tijd zouden over„ „laten: terwijl ten aanzien voor Egbertus Bergh bij den onder„ „geteekende Gouverneur, alvo„ „rens denzelven te kunnen pro„ „poneeren, onderzogt weezende de religie, welke denzelven zoude mogen weezen toegedaan, wan„ „lem oor had neer regter des de bepaling die men daar omtrent te betragten hadde geene geringe be„ „lemmeringe hebbende ver„ oorzaakt. neer door Ged. e Bergh na ten dien belange eene mondelinge derla„ „ratie te hebben gedaan bij eene missive dewelke dezen in Copia is versellende nader ver¬ „klaart weezende, desselfs ge„ „voelens op het stuk van Relegie in zo verre Conform te zijn met de augsburgse Confessie, dat hij gedrongen werdende immediaat belijdenisse te doen, geen ogen„ „blik zoude hesiteeren de lutherse leere te omhelsen. — § 42. invoegen de bepaling die men nu te betragten had, geene gering„s belemmeringe veroorzaakte in plitatie de ne Jaa¬ mmen voor neemen, dien orcu¬ voor nde zoude z wan¬ „ de verkiesinge van bekwaame leeden in voorm: raad van Justitie daar men aan de andere zyde de besparinge voor d' ECompagnie door Uwe wel Edele Hoog Agtb: zo ernstig aanbevolen vond, en de promotie van leeden bij gem: raad uit Perzonen, niet hebben, „de de qualiteit van onderkoop„ man, een nieuwe bezwaar zoude meede brengen, uit hoofde dat zodanige Perzonen niet zouden nalaten t'aspireeren, na de voorsz: qualiteit van onderkoopman, met den rang van koopman, gelijk door Uwe aame is den geheimschrijver Mappa tot liat van Iustitie aangesteld. — uwe wel Edele Hoog Agtb=ren aan de Leeden van den raad van Justitie is toegevoegd geworden, dewijl het zeer oneigen zoude zijn, ijmand onder eenen min„ „deren rang, als de andere leeden bezitten, de plaats in dien raad te laten bekleeden: §43. dan in aanschouw genomen weezende, dat omtrend den geheimschrijver van den onder„ geteek. Gouverneur Carel Mappa op zijn onder ons eer„ „biedig dog favorabel voorschrij„ „vens aan Uwe Wel Edele Hoog agtb:s gedaan versoek, wel eene Justitie zyde pagnie Agtb: nd en bben, hoofde van ang eene gunstige dispositie ter zijner bevordering tot onderkoop„ „man wierd gehoopt en verwagt; en uit de tot hier toe door hem gegeevene preuven van bekwaam, „heeden in den dienst, te ver„ wagten was, dat denzelven zoude mogen zijn een nuttig Eedt in gem: raad van Justitie: §44. Hebben wij insgelijx onder uwer wel Edele Hoog Agtb=ren gunstige approbatie, gedagte geheimschrijver Mappa, voor eerst als lidt van Justitie met den rang daar toe staande, aangesteld: zijnde 345. en twee plaatzen in gem: raad provisioneel onver„ vild gelaten- zijnde dewijl hier meede nog een plaats van 's EComp: dienaren in meerm: raad vavant bleef, ook provisioneel onvervuld op„ „laten de stoel van den hier bovengem: afgetreedenen Bur„ gerraad Bletterman, tot dat men nader en rijser hier over gedagt hebbende, eenige moge„ lijkheid zal hebben gevonden om beide dezelve te doen rem„ placeeren: gelijk hier op ook door den ondergeteek=d Sevunde Rhenius als president des Raads van Justitie wierd ge„ insteerd, om dat veeltijds eenige Leeden koop„ gt am, Eedt tig der rens agte verzoek van den onder„ „koopman egbertus Bergh om te mogen hebben den titul van koopman met den rang naast het Jegenswoor„ „dige Jongete lidt van Iustitie Leeden door ziekte ofte door het vaceeren tot de eene of andere Commissie uit de vergaderinge moetende absent blijven, den raad zig met de aanstellinge van het gem: eene Eidt, tegens drie, dewelke uit dezelve ont„ „slagen waren, te zwak vond om over de voorkomende zaken te Judicieeren. - § 46. Ter zelver tijd bij ons verdere in overweeging genomen zijnde, het verzoek door gem: onder„ koopman en winkelier Egber, „tus Bergh, bij zijn voorsz: brief
English
letter submitted, tending, on the grounds of the reasons adduced by him, and in view of the fact that no seat on the Council of Justice could be granted to him, to obtain the title of merchant, with rank next to the one who currently sits on the said council as the junior member among the Company's servants, we well understood that if this request were granted, and similar requests were also to be made by the other senior junior merchants who likewise, on account of the aforesaid alleged obstacles, could not be chosen as members of the said court of justice, such could then not be refused by us to them, nor in the future to others in similar cases, with any appearance of equity, and that thereby that degree of distinction would be removed which your Right Honourable Nobilities, for wise reasons, have especially conferred upon the members of the aforesaid council. Wherein, however, having been unable to accede for the reasons alleged alongside, we have added: §47. On which grounds we could also not accede to that request, however gladly one would otherwise wish to be persuaded of the equity of the reasons adduced by the said Bergh, being convinced that it must be painful for servants who have constantly shown themselves devoted to the interests of the Company and strive to give every satisfaction to their superiors—as we also take the liberty to testify of the said shopkeeper Bergh—solely because of differences in religion, which do not prevent the adherents on either side from calling one another brothers in public, to see entirely cut off from themselves those prospects which otherwise would be capable of awakening such emulation among the servants as can truly serve the Company's benefit. §48. But having also believed that such a favour solely depends on your Right Honourable Nobilities' honoured disposition, and therefore the aforementioned Bergh was permitted to transmit a petition regarding this among the Company's papers, it is left solely to your Right Honourable Nobilities' disposition, whenever it should please the same to take into consideration the grounds upon which the said Bergh bases his request, and likewise that he has already served for a considerable time as a commissioner for the mustering of ships, a commission which was previously always performed by members from the Council of Justice, we thought we should permit the repeatedly mentioned shopkeeper Bergh to transmit his petition thereto to your Right Honourable Nobilities among the Company's papers, as is now done, and regarding which request we thus very humbly request that it may please your Right Honourable Nobilities to cast a favourable regard upon it. §49. Your Right Honourable Nobilities likewise not having pleased to approve the appointment made of Captain du Minij as Master of Equipage, with orders to make the necessary provision in the meantime for the performance of that post, And whereas the aforementioned honoured letter from your Right Honourable Nobilities also conveys a disapproval concerning the appointment of the Sea Captain François du Minij as Master of Equipage in this Government, with the addition that your Right Honourable Nobilities had resolved to appoint another person to that post, and to do so at a further opportunity, with orders that in the meantime the necessary provision should be made for the proper performance of that post; therefore, in dutiful obedience thereto, the said Sea Captain du Minij has been discharged from the office of Master of Equipage, and until such time as the one who shall be nominated and appointed thereto by your Right Honourable Nobilities shall have arrived at this place, the Sea Captain Jan Arnoudt Voltelen, who came over from Batavia and remained here, has in the meantime been commissioned and qualified to perform the said office pro interim. The adjacent-mentioned Captain Voltelen has therefore been qualified to perform that office provisionally. §50. Regarding the navigation of the North Americans, the orders received thereof having been delivered to the Fiscal Office to be watchful against them, An extract from your Right Honourable Nobilities' above-mentioned letter concerning the navigation of the North Americans having been delivered to the pro interim Fiscal Gabriel Exter, with the addition of the report given by the same to Their High Mightinesses on that subject, in order that the Fiscal Office may be in every way watchful that upon the appearance of ships of that nation at this corner, nothing be done contrary to the purpose of your Right Honourable Nobilities clearly evident from the aforesaid report. §51. We request your Right Honourable Nobilities to be pleased to cast a favourable regard upon the motives that compelled us to enter into the agreement in question with one of those nations. We furthermore take the liberty to request the same most submissively to be pleased to cast a favourable regard upon the circumstances which compelled us to take refuge in such a means as capable of
Dutch transcription
brief gedaan, tendeerende om uijt hoofde der door hem bijge„ bragte reedenen, en ten aansien aan denzelven geen sessie in den raad van Justitie konde werden verleend, te mogen er¬ „langen den titul van koopman, met den rang naast de geene die thans als Jongste Lidt onder 's Comp:s dienaren in gem: raad zitting heeft, hebben wij daar op wel begreepen dat wanneer aan dit verzoek wierd voldaan, en ook diergelijke verzoeken kwamen te geschieden door de andere oudere onder„ kooplieden het re inge den inge ne ont„ om te „kooplieden, dewelke meede ter zaake van de voorsz: geallegueer¬ „de hindernissen tot geene leeden van het gem: regts Collegie heb„ „ben kunnen worden verkoren, zulks aan dezelve en ook in het vervolg aan andere bij zoort„ „gelijke gevallen, als dan met geen schijn van billijkheid door ons zoude kunnen werden ge„ weigerd, en dat daar meede zoude zijn weggenomen, dien graad van distinctie, welke Uwe wel Edele Hoog Agtb: om wyze reedenen aan de Leeden van voorsz: raad, bijzonderlijk hebben „den waar in egter om de neevens geallegueerde reedenen niet hebbende kunnen wer„ „den getreeden hebben toegevoegd: §47. Uijt welken hoofde dan ook door ons in dat verzoek niet heeft kunnen werden getreeden, hoe gaarne men zig anderzints wel gepersuadeert wil houden van de billijkheid der reedenen, door ged. e Bergh bijgebragt, als overtuijgd weezende, dat het aan dienaaren, die zig steeds aan de belangen der Maatschappij verbonden hebben getoond, en alle genoegen aan hunne gebieders tragten toe te brengen, gelijk wij ook de vrijheid neemen van gemelde winkelier winkelier Bergh te betuigen, niet dan smertelijk vallen moet„ alleen om verschillen in den godsdienst, die de belijdens aan de eene en andere zijde niet beletten, elkanderen in het openbaar broeders te noe„ „men, voor zig geheel afgesnee„ moeten „den te zien, die vooruitzigten, welke anderzints in staat zoude zijn, zodanige emulatie onder de dienaren te verwek„ „ken; als d' EComp: waarlijk tot nut verstrekken kan: §48. dan tevens gemeend hebbende dat een zodanig faveur alleen „word reque over Ber die en den uwe wel Edele Hoog agtb: g'Eerde dispositie en derhalven aan voorm: Bergh gepermitteerd ge„ „worden deswegens een request onder Comp: papieren overtezenden is zulx gelaten alleen aan is afhangende van de dispositie uwer wel Edele Hoog agtb=, wan„ „neer het hoogst dezelve zoude gelieven aanschouw te neemen op de gronden, waar op gedagten Bergh zijn verzoek is fundee¬ „renden en zo meede dat denzelven al een geruimen tijd heeft gefun¬ geerd als gecommitteerde tot de monstering der scheepen; eene commisse welke bevorens altoos door Leeden uijt den raad van Justitie is waargenomen, geworden, hebben wij gedagt aan meermelde winkelier Bergh te moeten permitteeren zijn supplicq met de 549. Uwe wel Edele Hoog agtb: de gedane aanstellinge tot Equipagiemeester in„ gelijks niet hebbende ge„ blieven te approbeeren supplicq daar toe aan Uwe wel Edele Hoog Agtb=rens onder 's Comp:s papieren te mogen overzenden, gelijk thans geschied, en op welk verzoek wij alzo zeer nedrig verzoeken, dat het uwe wel Edele de tot die rens Hoog Agtb=ren moge behagen, favo„ „rabel reguard te slaan. - En nadien voorm: uwer wel van den Capitain du Minij Edele Hoog Agtb=rens g'Eerde aan„ schrijvens ook is meede brengende eene afkeuring omtrend de aan„ „stelling van den Capitain ter Zee François du Minij, tot Equipa„ „giemeester ten deezen Gouverne„ mente met ordre om intusschen de nodige voorsieninge tot waarneeminge van die post te doen„ „mente, met bijvoeging dat Uwe wel Edele Hoog Agtb=rens besloten hadden, een ander perzoon tot die post aan te stellen, ende zulx bij een nadere geleegendheid te doen, met ordre dat intusschen tot de behoorlijke waarneeminge van dien post, de nodige voorzieninge zoude moeten geschieden; is derhalven ter schuldige obedientie daar aan, ged:te Capitain ter Zee du Minij, van het Equipagiemeesters ampt ontsla„ „gen, en ter tijd toe dat den genen die hier toe door uwe Wel Edele Hoog Agtb: zal weezen benoemd en aangesteld, ter deezer plaatze zal zyn avo„ is dierhalven den nevens„ gem: Capitain Voltelen ge„ „qualificeert om dat ampt provisioneel waar teneemen 550. betreffende de vaart der noord Americanen aan 't officie Inscaal de daar van ontfangen ordres afgegeeken zijnde om daar tegen waakzaam te zypn zijn aangekomen ondertusschen, om het gem: ampt pro Interim waar„ teneemen, gecommitteerd en ge„ „qualificeerd geworden, den van Batavia overgekomen en alhier verbleeven Capitain ter Zee Jan Arnoudt Voltelen. - Aan den pro Interim Fiscaal Gabriel Exter inhandigd zijnde Extract uit bovengem: uwe wel Edele Hoog Agtb=ren aanschrijvens; betreffende de vaart der Noord Americanen, met bijvoeging van het door Hoogst dezelve aan Haar Hoog Mogende over dat aan op „nood reg Sujet accor ua §57. verzoeken wij uwe wel Edele Hoog Eagtb: gunstig reguard te willen staan op de motiven die ons ge„ „noodzaakt hebben tot het aangaan van het bewuste accoord met een dier natien - „supt gegeeven berigt, ten einde het offivie Fiscaal allezints waak, „zaam moge zijn dat bij de ver„ „schijninge der scheepen van die „Natie aan deezen uithoek, niets werde gedaan strijdig met het uit het voorsz: berigt duidelijk blijkend oogmerk Uwer wel Edele Hoog Agtbarens - Neemen wij voorts de vrij„ heid hoogst dezelve onderdaniger te verzoeken goedgunstig reguard te willen slaan op de omstan„ digheeden, welke ons genoodzaakt hebben gehad, toevlugt te neemen tot een zodanig middel als in staat om al n
English
and the distressful circumstances in which one found oneself at that time. was able to save this Colony from that extreme distress, which was so close at hand that no time remained to hope for or expect any relief from the fatherland; and that, although the agreement entered into with the North American was not followed by success, fortunately some assistance was nevertheless obtained in time from the Island of Mauritius as well as from Batavia, without which the most deplorable consequences from the lack of bread would certainly have arisen in this Colony and especially among the garrison. Whereby, before the arrival here of the Two Hundred Lasts of Wheat sent through the favorable and fatherly care of Your Right Honorable Worships, which is acknowledged by us once again with the most heartfelt gratitude, a harvest of the new grain crop had already long since taken place and the scarcity had disappeared. So that experience, as in former times, has now again taught that the time which must elapse before the news of the shortage is brought to the Fatherland, and any relief can then still be expected from there, is too long for one to be able to expect timely assistance from that quarter. Which consideration has indeed caused us, subject to Your Right Honorable Worships' approval, to take such measures as we have previously had the honor most submissively to report, and by which measures we continue for the present to oppose the export of grain until one shall have first arrived at that intended supply in the Company's Warehouses, through which the Colony, in the event of an unexpected crop failure, can be kept out of danger of a shortage of the most necessary provision of life. Experience, both from earlier times and also now, having taught the uncertainty of expecting speedy assistance from the fatherland in times of shortage, we were consequently obliged to take those measures of which notice has already been given. § 52. It being further deemed necessary by Your Right Honorable Worships to establish that no Company servants shall be permitted to proceed to the Fatherland as passengers out of service with the Country's ships or frigates of war, which order must always be strictly observed; it has, however, come to our attention in this regard that the very same reasons which moved Your Right Honorable Worships to establish the aforementioned order with respect to the Servants also apply with regard to burgher inhabitants. Who, likewise finding themselves restricted in baggage according to the rank they held, might likewise make an abuse of it for the transport of prohibited goods if they were to cross over as passengers to the fatherland with the Country's warships or frigates. And therefore it was deemed necessary to respectfully request that Your Right Honorable Worships' intention and purpose may likewise be further learned, as to whether the same order shall also have to extend to the burghers. Pursuant to Your Right Honorable Worships' order, no Company servant being permitted passage with the Country's ships from here to the Netherlands, and it having come to our attention whether this ought also to take place with respect to qualified persons from the burgher state, we respectfully request Your Right Honorable Worships' intention regarding this. § 53. There being also required of the aforementioned Chief of the Company's Militia here, with the delivery of the Capitulation concluded concerning the Württemberg Regiment, a statement of his considerations on the question proposed by Your Right Honorable Worships in § 65, whether the Company's regular troops in this Government might also be placed on the footing of a Regiment, and whether the arrangement of that of Württemberg could be followed for that purpose, or whether another footing ought to apply in that regard; in order to obtain hereby the necessary elucidation by which Your Right Honorable Worships may be answered with due respect on the aforementioned proposed question concerning this subject. And which we therefore, after the aforementioned Considerations shall have been received, will not fail dutifully to fulfill. The considerations of the undersigned Chief having been demanded on the proposal whether the Company's regular troops here could be placed on the footing of a Regiment, in order to be submitted to Your Right Honorable Worships. § 54. What was further written by Your Right Honorable Worships in § 66, to pay regard, according to circumstances, to the requests made by the various persons named therein, to the end of being allowed to remit their money here into the Company's Treasury by bill of exchange to the Fatherland, we shall likewise obediently observe. And the instructions regarding the request of various persons to deposit their money here into the Company's Treasury shall be obediently observed. § 55. But since Your Right Honorable Worships have been pleased to take into consideration concerning the latter that it ought not to serve as too great a burden for the Company's Treasury in the Netherlands, Their... On the further remark made by Your Right Honorable Worships in that regard and given to us for consideration.
Dutch transcription
en de kommerlijke om„ standigheeden waar in men zig als toen heeft bevonden. staat konde zijn deeze Colonie te redden uit dien uittersten nood, welke zo kort aan de deur was, dat er geen tyd overig bleef om nog eenig ontzet uit het vaderland te kunnen hoppen of verwagten en dat, hoewel het met den Noord Ameridaan aange„ „gaan accoord van geen Sucrés is agtervolgd geworden, geluk „kig evenwel nog bij tijds van 't Eijland Mauritius en zo meede van Batavia eenige bijstand is erlangd, zonder welke zeker„ lijk de Jammerlijkste gevolgen uit het brood gebrek in deeze om een R het Colonie hebben zo nu van gel n hebbende de ondervinding zo van vroeger tijden als ook nu geleerd d'onzeekerheid om in tijden van gebrek, een spoedig secours uit het vaderland te verwagten Colonie en vooral onder het quar„ nisoen zouden weezen ontstaan; waarbij voor de aankomst alhier van de door Uwe Wel Edele Hoog Agtb=s gunstige en vaderlijke, mitsgaders bij ons nogmaals met de hartelijkste dankbetuiging erkend werdende zorge, gezon„ dene Twee Honderd Lasten Taawe, reeds lange weder eene inzamelinge van het nieuwe graan gewasch geschied, en de schaarsheid verdweenen was: zo dat de ondervinding, gelijk in vroeger tijden, ook nu weder geteerd heeft, dat de tijd die 'er verlopen des wij verpligt zyn ge„ „weest die maatregulen te moeten neemen, van dewelke bereids kennisse gegeeven is. — verloppen moet, al eer de tijding van het gebrek naar 't Patria overgebragt, en van daar als dan nog eenig ontzet verwagt werden kan, te lang is, dan dat men van derwaards een tijdig sevours verwagten konde: welke overweeging ons dan ook zoda„ „nige maatregulen onder Uwer wel Edele Hoog Agtb: goed„ keuring hebben doen neemen, als wij d' Eere hebben gehad be„ „vorens onderdanigst te berigten en door welke maatregulen voor als nog werd gecondinu„ „geerd, in het tegengaan van den ing Hoog Comp met van mog ingevolge uwer wel Edele Hoog agtb: ordre aangeen Comp:s dienaar passagie met 's Lands scheepen van hier naar Nederland mogende werden veroorloofd. - den uitvoer der granen tot dat men eerst tot dien bedoelden voorraad in 's Comp: Maguazijnen zal gekomen zijn, door welke de Colonie bij onverhoofte mis„ gewas, buiten gevaar van gebrek, aan het allernoodzakelijkst leevensmiddel, kan werden ge„ houden. § 52. Door Uwe wel Edele Hoog Agtb=s verders nodig geagt zijnde vast te stellen, dat aan geene Comp: dienaaren zal mo„ „gen werden veroorloofd, om zig met 's Lands scheepen of Fre„ „gatten en bij ons in opmerking gekomen zijnde of dit ook behoorde plaats te hebben omtrent gequalificeerdens uit den burger staad. „gatten van oorlog als passagiere buiten dienst na het Patria te begeeven, welke ordre steeds nauw„ keurig zal moeten werden betragt is egter ten deezen aanzien bij ons in opmerkinge gekomen, dat even diezelfde reedenen welke uwe wel Edele Hoog Agtb: bewogen hebben, om de gem: ordre ten opzigte der Dienaren te stellen, ook plaats heeft omtrend burger Ingezeetenen, dewelke meede in de bagagien na den rang die dezelve bekleed hebben, zig bepaald vindende, wanneer zij met 's Lands oorlog scheepen hwen verzoeken wij Eerbiedig hier op uwer wel Edele Hoog agtb: intentie en hweer.. of Fregatten als passagiers naar het vaderland mogten overvaren, insgelijks een misbruik zouden kunnen maken, tot den overvoer van verbodene goederen, en dier„ halven nodig geoordeeld, van Uwe wel Edele Hoog Agtb=rens oogmerk te mogen vernee, eerbiedig te verzoeken, dat hoogst derzelver intentie en oog„ merk insgelijks nader mag wer„ „den vernomen, of dezelve ordre zig insgelijx tot de burgers zal moeten uitstrekken. — § 53. zijnde ook van den hier= vorengem: Chef van 'sComp: Militie alhier gewone troupes alhier zouden kunnen werden gebragt op den voet van een Regiment is gevorderd de Considera„ Chef, ten eijnde aan Uwe wel Edele Hoog agtb: te werden gesuppectiteerd- op het voorstel of 's Comp: alhier, onder afgave van het, om„ trend het wurtembergse Regi„ „ment geslotene Capitulatie, ge„ „vorderd, eene opgave van desselfs consideratien op de door Uwe wel Edele Hoog Agtb: bij § 65 voorgestelde vraag of 's Comp: gewoone trouppes ten deesen Gou„ „vernemente meede zullen kunnen werden gebragt op den voet van een Regiment, en of daar toe de inrigting van dat van wur„ temberg zoude kunnen werden stien van den ondergeteek: gevolgt, dan wel of daar om„ „trend eene andere voet zoude behoren plaats te hebben, ten einde las hoor „rente „sens hier en §: 34. en zal het aangeschreevene no„ „pens het verzoek van disfe„ las tellen hunner penn: ge„ hier door de nodige Elucidatie te erlangen, door welke Uwe wel Edele Hoog Agtb=r op gem: voorgestelde vrage belangende dit onderwerp, na verschuldigd, „heid zal kunnen werden beant„ woord. En waar aan wij dierhalven na dat de gem: Consideratien zullen ingekomen zijn, niet in gebreeke blijven zullen, schuld„ pligtig te voldoen. Het door Uwe Wel Edele „rente perzonen tot het in Hoog Agtb= verders aange„ hoorzaamlijk werden bertragt. - schreevene bij §66. om na omstan„ digheeden §. 55. op de verdere aanmerkin„ „ge door Uwe wel Edele hoog agtb: ten dien belange gemaakt en aan ons in overweeging gegeeven „digheeden reguard te slaan, op de door de differente daar bij be„ „noemde perzonen gedane ver„ „zoeken, ten einde derzelver penningen alhier in 's Comp: Cas per assignatie na het Patria te mogen overmaken, zullen wij insgelijks gehoorzaamlijk betragten. Dan vermits Uwe wel Edele Hoog Agtb=rens ten belange van het laaste in overweeging hebben gelieven te neemen, dat niet tot een al te groot beswaar voor 's Comp:s Cas in Nederland be„ „hoorde te verstrekken, Hoogst derzelver
English
their willingness to accommodate as much as possible the persons who found themselves in such cases as those in which the aforementioned petitioners appeared to be; Paragraph 56. That consequently, the larger the capitals offered for deposit into the treasury were, the more reasonable it was that the terms for the payment and disbursement in the mother country of the monies accepted into the treasury be extended as much as possible, and that under the benefit of such prolongation, such capitals, with good deliberation, could serve the benefit and substantial relief of the Company in more than one respect; being furthermore understood by Your Honorable Worships what the ultimate intention was regarding how the monies paid into the treasury could serve for the relief of the Honorable Company, and it being understood that the fulfillment of the demand for cash funds for this government could, without our inconvenience, for the present remain suspended; Paragraph 57. We have understood from the combination of the same Your Honorable Worships' intention and disposition, on the one hand, that Your Worships are well confident that from the capitals received into the Company's treasury here by bill of exchange, relief could also be found for the Company in this place through good deliberation; and on the other hand, that from such monies paid into the treasury, the inconvenience into which one might fall through the non-fulfillment of the demand for cash funds can be remedied; Paragraph 58. We therefore take the liberty respectfully to inform Your Honorable Worships in this regard, taking the liberty to supply our considerations thereon, pointing out the only means from which such an advantage could be found, but also at the same time the objections against it, Paragraph 59. that the monies received into the Company's treasury upon bills of exchange to the mother country consist solely of the paper currencies introduced during the war and still circulating; and that this money, being of no value outside the country, the advantage therefrom would consequently have to be sought here locally: That the only means from which such an advantage is to be found would consist in this: that a considerable capital thereof be put out at interest among the inhabitants at the rate of six per cent per annum, customary in this place: That one has indeed repeatedly let one's thoughts dwell on this, especially when, in these moneyless circumstances of the times, various inhabitants have come to request money at interest from the Honorable Company; Paragraph 60. but that it having come into consideration how, by means of putting out a large sum of the paper money at interest, its value, at which it has been maintained until now, would ultimately have to be lost, because, whilst such would open a wide door through which luxury could be fed at the expense of the Company, the great recklessness that already prevails among most inhabitants to incur debts would increase even more and would also bring about that the Company in the end would only come to a piling up of bonds chargeable to the inhabitants, while providing a means by which substantial capitals on bills of exchange to the mother country could in the long run be remitted into the Company's treasury; and that however much it might then appear as if only paper currencies had been disbursed for the aforementioned bonds, the settlements that would then follow upon the bills of exchange would nonetheless cause those same bonds to exist against nothing other than cash monies actually paid out. Paragraph 61. That in addition the attentiveness to which we always find ourselves obligated in order to preserve the prosperity of the inhabitants would mostly restrain us from applying executions against defaulting debtors, while such incurred debts could easily give rise among the debtors to a lack of interest and indifference toward the continued possession of this establishment for the Company. Paragraph 62. By which various considerations and dangerous prospects one has indeed still always been held back from making use of the means to make a profit with the paper currencies, yes, even if it were with other funds. Paragraph 63. We have therefore deemed it our duty to lay these our considerations before Your Honorable Worships, adding nevertheless that we still proceed in that happy prospect, however, that with the durability of the peace one will also be able to manage very well with the paper money, as long as a certain sum of specie is added to it annually; that as long as the peace may be lasting (now that, through the stamped cardboard to be introduced in the near future to replace the circulating paper currencies, a greater peace of mind against their counterfeiting can be brought about among the inhabitants), this government will also be able to manage very well with the paper money, provided only that a certain sum of specie may be added to it annually; and that thereby the possibility continues
Dutch transcription
derzelver bereidwilligheid, om zo veel mogelijk te gemoed te ko„ „men, de Perzonen, die zig in zodanige gevallen bevonden, als waar in de gem: Requestranten scheenen te verseeren: § 56. Dat dierhalven wijders, na mate dat de Capitalen groot waren, welke ter in Castelling wierden aangeboden, tot des te billijker was, dat de termijnen voor de betalinge en uitkeeringe in het vaderland van de in Cas geaccepteerde penningen zo veel mogelijk wierde geprolongeert, en dat onder benefitie van zoda„ „nige ver¬ : Cas ia hoogst derzelver intentie begreepen zijnde waartoe de in cas geteld werdende penn: tot soulaas der EComp zouden kunnen strekken, „nige paolongatie, dusdanige Capitalen bij een goed overleg tot nut en wezentlijk soulaas van de Comp: in meer dan een opzigt konde dienen: mitsg:s al verders bij uwe wel Edele Hoog Agtb: begreepen zijnde dat de voldoeninge van den Eijsch van Contante pennin„ „gen voor dit gouvernement bui„ „ten ons ongerief, voor als nog zoude kunnen blijven uitgesteld: §: 57. Hebben wij uit de zamenvoe„ ging van dezelve, uwer wel Edele Hoog Agtb=s intentie en dispo„ „sitie begreepen, aan d' eene zijde Dat dat Hoogst dezelve wel zijn vertrouwende, dat van de Capita¬ „len, welke in 's Comp: Cas alhier per assignatie werden ontfangen ook aan deeze plaatse bij een goed overleg, een Soulaas voor kunnen de Comp: te vinden zoude zijn, en aan de andere zijde, dat uit zodanige inCas geteld werdende penningen, te remedieeren is 't ongerief, waar in men door het onvoldaan blijven van den Eijsch der Contanten, zoude kunnen geraken; § 58. Wij neemen dierhalven de vrijheid Uwe wel Edele Hoog Agtb=ren neemen wij dierhalven de vrijheid onze Consideratien daarop te suppediteeren § 59. met aanwijzing van het middel waar uit alleen een zodanig voordeel te vinden zoude zijn - Agtb=rens hier op eerbiedig te berig„ „ten, dat de penningen die in 's Comp: Cas op assignatie na het vaderland: werden ontfangen, alleen bestaan in de bij den oor„ „log ingevoerde en nog roulee„ „rende papiere munten; en dat dit geld van geen waarde bui„ ten 's Lands zijnde dierhalven het voordeel daar uit, hier te lande zoude moeten werden gezogt: Dat het eenigste middel waar uit een zodanig voordeel te vinden zij, hier in zoude be„ „staan, dat daar van een aan„ zienlijk dogt beden tegen dog teffens meede de bedenkingen daar tegens „zienlijk Capitaal tegens den ter deezer plaatse gebruike„ lijken Interest van Ses ten hondert in 't Iaar, onder de Ingezeetenen wierd uitgezet: Dat men hier op ook wel te meermalen de gedagten heeft laten gaan, voor al, wanneer in deeze geldelooze tyds om„ „standigheeden, onderscheidene Ingezeetenen om geld op Inte„ „rest van d'EComp: zijn komen te verzoeken § 60. dan dat in bedenking gekomen zijnde hoe door middel eener groote somma van het papiere geld op Interest uit te zetten, haare haare waarde op welke zij tot nog toe is gehouden geworden, eindelijk zoude moeten verloren gaan, om dat; daar zulks een wij de deur zoude oppenen door welke de weelde ten kosten der Maatschappij konde werden ge„ „voed, de groote ligtvaardigheid die 'er onder de meeste Ingezee„ „tenen bereeds heerscht om schul„ „den te maken, nog meer toe„ „neemen en ook te weeg brengen zoude, dat de Maatschappij ten laatsten alleen zoude komen te geraken tot een opstaveling van Schuldbrieven ten lasten des der Ingezeetenen, onder het toe„ „brengen van een middel door welke Jaarlijks aanzienlijke Capitalen op assignatie na het vaderland in 's Comp: Cas op den duur zouden kunnen wer„ „den geremitteerd; en dat hoe zeer het dan ook schijnen zoude als of voor de gem: schuldbrieven alleen papiere munten waren uitgeschoten geworden, de voldoeningen die 'er dan op de assignatien kwamen te vol„ „gen, dezelve schuldbrieven egter niet anders zoude doen bestaan dan tegens recel §61: dat daarbij de oplettendheid tot welke wij ons steeds ver„ pligt vinden om de welvaart der Ingezeetenen te Conserveeren ons meestentijds zoude weder„ houden om executien aante„ wenden, tegens in gebreeke blijvende debiteuren, terwijl zodanige gemaakte schulden bij de Debiteuren ligtelijk zouden kunnen doen ontstaan eene belangeloosheid en onver„ „schilligheid in de voortduuring der possessie van dit Etablisse„ Zaam rciel uitbetaalde Contante pen„ ningen. - ment zigt igt inda apie red zig pen„ in dat gelukkig vooruit„ zigt egter dat bij duur„ zaamheid der vreede men zig ook zeer wel met het papiere geld zal kunnen redden. „ment voor de Maatschappij — §62. Door welke een en andere bedenkingen en gevaarlijke vooruitzigten men dan ook nog altoos te rug gehouden ge„ worden is, om zig van het voorde middel tot het maken van voor„ „deel met de papiere munten, Ja al was het ook met andere gelden, te bedienen: §63 Wij hebben dierhalven verlig„ „telijk geagt uwe wel Edele Hoog Agtb=s deeze onze beden„ kingen open te leggen met bij„ voeging nogthans dat wij nog blijven voortvaren in dat geluk„ „kig wanneer maar een zee„ „kere: Somma van Paije„ ment: Iaarlijks daarbij werde gevoegd- d „kig vooruitzigt, van zo lang de vreede duurzaam weezen mag /:nu 'er door het eerstdaage ter afwisseling van de rouleerende papiere munten inte voerene, gestempeld Carton, teegens haar o en vervalsching eene meerdere ge„ „nen leeren in rustheid onder de Ingezeetenen veere zal kunnen werden te weeg gebragt:/ dit gouvernement zig ook zeer wel met het papie„ „re geld zal kunnen redden, mits 'er Jaarlijks maar een zekere somma aan paijement mag werden bijgevoegd; en dat daar by de mogelijkheid blijft aanhouden
English
but that nevertheless, in the event of an unexpected rupture, much trouble and difficulty might arise in conserving the value of the paper currency in circulation. continue to retain, so as to be able to make use of the same paper currency for payment by bill of exchange into the Company's treasury: Section 64. Being unable, however, to refrain from bringing most respectfully to the attention of Your Right Honourable Nobilities how very easily, in the event of an unexpected rupture arising, when no possibility could be found to provide this Government with hard cash, very much trouble and difficulty might arise in conserving the circulating paper currency in its value, or at least adding new currency thereto; and that such a prospect alone renders it of the utmost necessity to have a supply of hard cash on hand here against all such unexpected circumstances. And one ought therefore also to have a supply of hard cash on hand, for which a sum of one million guilders being fixed, Section 65. And although the size of such a necessary reserve cannot well be determined, yet if the sum of one million Dutch guilders were fixed for this purpose, the lying idle of such a capital would then certainly give rise to a new objection. But that, in order to find an adequate compensation for this, an equal sum in paper currency could again be issued among the inhabitants at the aforementioned interest of 6 percent, in order not to let that capital remain idle. And which sum then, not being increased thereafter, could also not bring about the disadvantageous consequences that, as has been said before, the investment of paper money causes to be feared; since the circulating capital among the inhabitants is not large enough to end the general embarrassment in circulation and daily transactions: provided that, in the investment of the capitals, that strict diligence is observed which the money-managing colleges and capitalists employ, namely to require sufficient mortgages and married and propertied local sureties as security for the principal and interest: to be invested at interest in an equal sum of paper currency. Under sufficient mortgages and sureties. Section 66. Submitting all this to the further consideration and disposition of Your Right Honourable Nobilities, which our aforementioned considerations we have thought it our duty to disclose to Your Right Honourable Nobilities, whether it might be that Your Nobilities would be pleased to make use of them, or that Your Right Honourable Nobilities might take such dispositions and issue such orders regarding all this as shall be found to be best and most advisable; Section 67. While we, with favourable indulgence, will also let our thoughts dwell further upon the manner in which one may most suitably proceed, in accordance with Your Right Honourable Nobilities' intention and purpose, regarding the extension of the terms for the payment and disbursement in the fatherland of the moneys that will be paid here by bill of exchange into the Company's treasury. letting our thoughts dwell further upon the prolongation of the terms of payment of the bills of exchange, upon receipt of Your Right Honourable Nobilities' honoured missive dated 20 January of the past year. Section 68. Having received with the ship Leijden, whose arrival is to be noted further below, Your Right Honourable Nobilities' honoured missive dated 20 January of the past year, from which it has appeared that Your Nobilities have been pleased to disapprove the appointments of Captain von Bonstetten to Major, Captain de Lille to Major, and Captain-Lieutenant, or now Captain, Bleumer to Town Major, as well as that of Hendrik Willem Rutsz to Clerk of the Magazines; we have therefore, in dutiful compliance therewith, again caused the said offices and the emoluments enjoyed as such by the three first-named persons, as well as the monthly salary of 50 rixdollars granted to the last-mentioned as Clerk of the Magazines, to cease. From which has appeared the disapprobation of the appointment of a major, as well as of a clerk of the magazines; wherefore we have caused the same to cease again. What was made known on this matter in our meeting by the undersigned Governor: Furthermore, in this regard, the undersigned Governor made known in our meeting of the 11th of December last that His Honour had too great a sense of his bounden duty of obedience to the will and orders of Your Right Honourable Nobilities With the reasons for the necessity of the aforementioned posts in the present critical circumstances in which one now finds oneself in the Netherlands: Section 69. than that he could have hesitated for a moment to observe this duty also with respect to the aforementioned disapproved appointments; so that, however much His Honour, as well as the undersigned head of the Militia, remained convinced in their own minds of the necessity of the aforementioned posts for a regular garrison service, while also the lack of a Clerk of the Magazines could not but cause the greatest confusion in the artillery service, just as such
Dutch transcription
dog dat egter bij een onver„ hoopte rupture veel moeijte en zwarigheid zoude kun„ „nen ontstaan om de rou„ leerende papiere munten in haare waarde te donser veeren. haar aanhouden om van dezelve papie„ „re munten tot de telling in 'sComps Cas op assignatie te kunnen gebruijk maken: §64. Kunnende wij egter niet voorbij Uwe wel Edele Hoog ters Agtb=ren zeer eerbiedig onder het oog te brengen, hoe 'er wel ligt bij eene onverhoopte opkomende rapture, wanneer 'er geen moge„ lijkheid zoude kunnen gevonden worden om dit Gouvernement van Contante penningen te voorzien, zeer veel moeijte en zwarigheid zouden kunnen ontstaan om de rouleerende papiere ge„ en pie„ En zoude men derhalven een voorraad van contante penn: meede aan de hand behoren te hebben waar toe een somma van werdende, papiere munten in haar waard te conserveeren of ten minsten nieuwe daar bij te voegen; en dat alleen een zodanig voor„ uitzigt, het van de uitterste noodzakelijkheid doet zijn, om tegens alzulke onverhoopte omstandigheeden een voorraad zoude zeistel van contante penningen alhier een aan de hand te hebben. - § 65. En hoewel de groote van een milliven guldens bepaald- dier gelijke noodwendige voor„ raad niet wel kan werden be„ „paald dog dat daar toe wierd gesteld de somma van Een Millioen guldens hollandsch Sap treekt het bate zeisteloos te laten blijven een gelijke somma aan papiere munten op In„ „trect kunnen werden bategd. het renteloos leggen van een zo„ „danig Capitaal dan zekerlijk wel op nieuw een beswaar zoude doen ontstaan: maar dat, om hier toe eene bekwame schade„ „loosstelling te vinden, wel we„ „der eene gelijke somma aan zoude om dat Capitaal niet papiere munten onder de Inge„ zeeteren tegens gem: Interest van 6 proc=to zouden kunnen worden uitgezet; en welke Somma dan, naderhand niet vermeerderd werdende, ook nog de nadeelige gevolgen niet zoude kunnen te weeg brengen, die gelijk voren is gezegd, het beleggen aard alhier een # onder sufficante hijpo„ „theecquen en borg stellin„ „gen. beleggen der papiere gelden doet verwijden; dewijl het roule „rend Capitaal onder de Jnges „tenen niet groot genoeg is om in de Circulatie en dagelijksch handelingen de algemeene ver„ leegendheid te doen ophouden: mits 'er bij het beleggen der Capitalen die nauwe Zorgvul„ digheid werd betragt, van welke de geld bestierende Col„ legeën en Capitalisten zig be„ dienen, om namentlijk tot zee „kerheid van het Capitaal ende Interesten te doen stellen sup¬ „fiçante Hijpotheecq, en alhier gehuirde Novr e § 66. het een en andere ter na„ „dere overweeging en diepo„ „sitie van uwe wel Edele Hoog agtb: voorstellende gehuude en wel g'Erfde Borgen:- Welke onze voorsz Conside„ ratien wij hebben gemeend aan uwe wel Edele Hoog Agtb: te moeten openleggen, of het waare dat hoogst dezelve hier van zouden gelieven gebruik te maken ofte wel dat Uwe wel Edele Hoog Agtb=rens om„ „trent het een en ander zodanige dispositien neemen, en al zulke ordres zouden mogen stellen als bevonden zullen werden best en raadzaamst te zijn; §67. Terwijl wij onder gunstige welduidinge onze gedagten nader ten laten gaan over de prolongatie der termijnen van betalinge der assigna„ „tien ontfangst van uwer wel Edele Hoog agtb: de dato 20 Jubnrij A„o pass=o zullen wij ook onze gedag, nader zullen laten gaan over de wijze op welke bekwaamst over „eenkomstig uwe wel Edele Hoog Agtb=s intentie en oogmerk, zal kunnen werden te werk gegaan omtrend het prolongeeren der termijnen tot het betalen en uit„ waar des Stellis „keeren in 't vaderland van de maj maj penningen die men alhier op Cousin assignatie in 's Comp: Cas tellen zal. — § 68. Met het schip Leijden, wel„ geherd aanschrijvens kers arrivement hier onder nader staat te werden genoteerd ont„ fangen zijnde Uwer wel Edele Hoog ƒ d waar uit gebleeken is, de disapprobatie op d'aan„ stelling van een groot major, mitsg:s van een bommies der Maguazijne Hoog Agtb=rens g'Eerbiedigde aan„ „schrijvens de dato 20 Iwar des voorl: Iaars en daar uit zijnde komen te blijken dat Hoogstde„ „zelve hebben gelieven af te keuren de aanstellingen van den Capitain van Bonstetten tot Groot major, major en plaats Majoor, den Capitain de Lille tot Majoor en den Capitain Lieu„ tenant of thans Capitain Bleu„ „mer tot plaats Majoor, mitsg=s die van Hendrik Willem Rutsz tot Commie van de Ma„ guazijnen; hebben wij derhalven in schuldige opvolginge van dien, de gem: ampten en de daar door over zulx wederom doen Cesseeren wat ten dien belange door in onze vergaderinge hier over te kennen gegeeven is en hebben wij die ampten door bij de drie eerstgenoemde „perzonen als zodanig geno„ „tene Emolumenten mitsg„s het aan de laatstgem: ale Commis van de Maguazijnen toegelegd maandelijx tractement van 50 rx wederom doen ceeseeren: zijnde voorts ten deezen be„ den ondergeteek:t Gouverneur lange door den ondergeteek: gouverneur in onze vergadering van den 11: December Jongstl: te kennen gegeeven, dat zijn Ed.e te veel gevoel had van desselfs duure verprigting tot gehoor„ zaamheid aan de wille en ordres van uwe wel Edele Hoog Agtb:r §69. dan 77a4 po „ge heed than te met met de reedenen van nood„ zakelijkheid der voorsz: posten in de Jegenwoordi„ „ge hachelijke omstandig. „heeden waar in men zig thans in Nederland komt te bevinden dan dat hij een ogenblik zoude hebben kunnen balanceeren om deeze pligt ook ten opzigte der voorsz: gedisaprobeerde aanstellingen te betragten zo dat, hoe zeer zijn Ed. e zo wel als het meede geteekend hoofd van de Militie, als nog van de nood„ „zakelijkheid der voorsz: Posten tot eene geregelde guarnisoens dienst, bij hun zelfs overtuijgd bleeven, terwijl ook het manque„ „ment van een Commis van de Maguazijnen, niet anders als de grootste Confusie bij het Arthillerie weezen, zo als zulks 26 be¬
English
as had previously taken place, could cause, no further reservations would have arisen on his Honour's part to take a single step that could have the slightest semblance of conflicting with the aforementioned duty; but that, since, partly through an irregularity in the garrison service and partly through confusion in the artillery and ammunition of war, at a perilous moment which makes it entirely uncertain whether a sudden rupture, with which our Republic seems to be threatened by the movements of foreign powers in Europe according to the latest news, might not cause an enemy force to attack this place within a few days, his Honour had had to conclude for himself that he would never be able to answer to Your Right Honourable Worships for having failed in a duty which weighed upon his Honour's conscience with no less gravity than that of obedience, namely this: in such perilous circumstances that arose after the date of Your Right Honourable Worships' letter, which Your Worships themselves could very easily not have expected or foreseen at the time, to watch with all possible care over the defense of this place, and that since nothing could serve more to render the defense here powerless than disorders in the military service and confusion in the artillery and ammunition of war, which would however quickly have to follow if the aforementioned functions were now suddenly to cease again, his Honour had therefore judged it most advisable to let the aforementioned three officers, von Bonstetten, Bleumer, and Rutz, alongside the ordinary service which they had to perform in the garrison and as Lieutenant of Artillery respectively, also continue to function, the first as Major, the second as Sub-Major, and the last as Commissary of the Magazines, for which his Honour would attempt to persuade all three of them, without however letting them enjoy the emoluments attached thereto for the first two mentioned or the extraordinary salary of the last-mentioned; and this in this manner only for so long as no later news shall have arrived concerning the said critical circumstances, through which this provisional precaution for the maintenance of good order, alongside others which had to be undertaken due to the same circumstances for the securing of this place, might come to lapse, in order then, or also if in the meantime any orders contrary hereto should be received from Your Right Honourable Worships, to cause these functions to cease entirely thereafter, in accordance with Your Worships' intention; not doubting that Your Right Honourable Worships would kindly view and accept such a dutiful precaution on his Honour's part solely as having sprung from a fundamental principle entirely in accordance with the trust which Your Worships are pleased to place in his Honour with respect to the defense of this place. Furthermore, the instructions given by Your Right Honourable Worships in the above-mentioned missive will also be dutifully complied with, both regarding the amount up to which one may proceed in drawing bills of exchange, in order to await a further explanation in that respect, and regarding the receipt into the treasury of the sum of f 8000. - Dutch currency to be counted out on behalf of Johannes Augustus Bresler, as well as to render to the botanists of His Imperial Majesty residing here all such help and assistance as Your Right Honourable Worships have granted for the dispatch of the collections from the plant and animal kingdoms being made by them here, an extract from the aforementioned letter, insofar as it concerns the request made to Their High Mightinesses by Daniel Verweij, has been delivered to the Council of Justice here, with the addition of copies of the petition of the said Verweij and its appendices, in order that what is required in that regard be complied with as soon as possible by the said Council of Justice and the report, along with the further requested documents, be sent with the first opportunity in accordance with Your Right Honourable Worships' instructions.
Dutch transcription
zulks bevorens had plaats ge„ had, veroorzaken konde, bij zijn Edele egter geene verdere beden„ „kingen zouden opgekomen wee„ „zen, om een enkelen stap te doen, welke de minste sweem zoude kunnen hebben van met de voorzz: pligt te strijden: maar dat, na„ „dien, deels door eene ongeree„ geldheid in den guarnisoens dienst, en deels door Confusie bij de Arthillerie en ammunitie van oorlog, in een haggelijk tydstip, welke geheel onzekerd maakt of niet eene schielijke rupture, waar meede door de beweeginge beweeginge der uitheemse mogend„ „heeden in Europa volgens de laatstn nouvelles, ons Republicq schijnt te werden gedrijgt, binnen eenige daagen, een vijandelijke magt op deeze plaatze zoude kunnen doen aanvallen, zijn Edele bij zig zelfs hadde moeten opma„ „ken nimmer bij uwe wel Edele Hoog Agtb: te zullen kunnen verantwoorden, van gemanqueert te hebben in eene pligt, welke op zijn Ed=s gemoed met geen minder zwaarte woog als die van ge„ hoorzaamheid, deeze namentlyk van in zodanige, na dato van uwe en om de zorgvuldigheid voor de defensie deezer plaatze uwe wel Edele Hoog Agtb:s schrij„ „vens opgekomen haggelijke omstandigheeden welke hoogst„ „dezelve als toen zeer ligtelijk zelve niet hebben kunnen ver„ „wagten of voorzien, met alle mogelijke zorgvuldigheid voor de defensie deezer plaatze te waaken, en dat dewijl niets „meerder dienen konde om het defensie weezen hier kragteloos te doen worden, als disordres in den militairen dienst en Confusie bij de Arthillerie en ammunitie van oorlog, het geen egter ras zoude moeten volgen, Zo offi trac om on als te wa waarom zyn Edele de voorm: officieren dan ook zoude tragten ter persuadeeren om zonder eenig Extra= ordinair tractement voor als nog in die resp: diensten te blijven continueeren zo wanneer de voorsz: functien nu weder eens klips kwamen op te houden, zijn Edele dierhalven raadzaamst geoordeeld had om de voorm: drie Officieren van Bonstetten, Bleumer en Rutz bij den ordinairen dienst, wel„ „ke zij onder het guarnisoen, mitsg:s als Lieutenant der Arthillerie respectivelijk te verrigten hadden, tevens meede, den Eersten als groot Majoor, den Tweeden als onder Majoor, en den Laatsten als Commis van de Maguazijnen te laten blijven fungeeren, waar toe zyn Edele ende zulks zo lange de Criticque omstandig, heeden zullen duuren Edele alle drie dezelve zoude trag„ „ten te persuadeeren zonder hun egter de daar aan gevoegd ge„ „weest zijnde emolumenten der beijde eerstgenoemden of het Extra„ ordinair tractement van den laatstgen: te laten genieten: § 70. Ende zulks in deezer voegen maar alleen voor zo lange om„ „trend de gem: Carticque omstan„ „digheeden geene latere tijdingen zullen ingekomen zijn, door welke deeze provisioneele ver voorzorge tot het blijven onder„ Hoog gelie zulx „houden der goede ordre, nevens uit zorge andere die men door dezelve tegen omstand„ of H aan ont ofte dat van uwe wel Edele Hoog Agtb: eenige daar meede strijdende nadere aanschrijvens mogt werden ontfangen. 571. in vertrouwen egter dat Hoogst dezelve zullen gelieven te considereeren zulx eenelijk te zijn geschied uit een pligtmatig voor„ zorge van zijn Ed: in het tegenwoordig tijd stip aanstandigheeden tot de verzee„ „kering deezer plaatze heeft moeten by der hand neemen mogten komen te vervallen, om als dan, ofte ook wel, wanneer intusschen eenige hier meede strijdige aanschrijvens Uwer wel Edele Hoog Agtb=rens mogten werden ontfangen, deeze funi„ „tien, ter beantwoording aan hoogst derzelver intentie, na„ „der geheel te doen ophouden: Niet twijffelende of uwe wel Edele Hoog Agtb=s zouden eene zodanige pligtmatige voorzorge van zijn Ed:e wel goed„ Extra„ ens 't aangeschreevene om„ „trent het montant der te Verleene assignatiën en het accepteeren der penn: van L: A: Bresler zo wel goedgunstig alleen beschouwen en opneemen willen als voortge„ sproten te zijn uit een grond, „beginzel, allezints overeen„ „stemmende met het vertrouwen, welke hoogst dezelve met be„ „trekking tot de defensie deezer plaatze in zijn Ed gelieven te stellen. - §72. Verders meede schuldpligtig zullende werden opgevolgd de door uwe wel Edele Hoog Agtb= bij bovengem: missive gedane aanschrijvens zo omtrent het montant, tot welke men in het trekken als kij hulp bewij zul kom als om aan de hier zynde kijzerlijke botans ten alle hulpe en adsistentie te bewijzen, pligtschuldig zullende werden nage„ 7 komen trekken der assignatiën zal mo„ „gen gaan, ten einde ten dien opzigte eene nadere verklaringe af te wagten, en tot het in Cas aanneemen der van weegens Iohannes Augustus Bresler geteld werden zullende Somma van ƒ 8000. - hollands Courant, als om aan de zig hier bevindende Batavisten van zijn keijzer„ „lijke Majesteijt alle zodanige hulp en adsistentie toe te brengen, als uwe wel Edele Hoog Agtb= tot 't verzenden der door hun al„ „hier gemaakt werdende verza„ „melingen uit het rijk der planten en e tig zijn aan den raad van Justitie ter hand gesteld de papie„ „ren betrekkelijk tot Daniel Verweij om daar en der Dieren hebben toegestaan, is aan den raad van Iustitie alhier afgegeeven Extract uit de voorm: brief voor zo verre betreft het aan stun Hoog Mogende door Daniel Verweij gedaan verzoek met bijvoeging van Ca„ op dienen van berigt pien der requeste van denzelven verweij en dies bijlagen, ten einde ten spoedigsten aan het gevorderde dien aangaande door gem: Raade van Iustitie voldaan en 't berigt nevens de verdere gerequireerde Stukken met de eerste geleegendheid Con„ „form uwe wel Edele Hoog Agtb: b
English
Departure of the ship Den Onzekeren to the Netherlands and of five outgoing vessels to Batavia. The aforementioned Dutch private ship Den Onzekeren having continued its voyage from here to the Netherlands on the 10th of November last, the following sailed onward to Batavia at the times mentioned therewith: On the 6th of November: De Goede Verwagting On the 16th ditto: Belvliet On the 24th ditto: De Zeevaart and Meerenberg On the 16th of December: the trio of merchantmen Paragraph 74. While on the other hand could be sent across next to the Honorable orders. Likewise the arrival from the Fatherland of the beside mentioned eight ships already dispatched again. The following arrived from the Fatherland at this roadstead on the aforementioned dates: On the 24th of November: Stavenisse with 38 dead, 124 sick On the 27th ditto: De Phoenicier with 22 dead, 33 sick the last-mentioned vessel having stayed at the island of S:t Jago for refreshment from the 18th to the 26th of August; On the 2nd of December: Oud Haarlem with 11 dead, 88 sick On the 3rd ditto: De Vrouw Johanna with 17 ditto, 90 ditto On the 7th ditto: Leyden with 11 ditto, 75 ditto On the 8th ditto: De Drie Gebroeders with 84 ditto, 114 ditto On the ditto ditto: De Verwagting with 4 ditto, 10 ditto On the 20th ditto: 'T Fortuin with 7 ditto, 14 ditto five of the same being of which keels the ships Stavenisse, De Phoenicier, Oud Haarlem, Leyden, and De Verwagting were dispatched again on the 4th of this month, and thus lie ready to sail in order to continue the voyage to Batavia; While the necessary preparations are being made to enable the private ships destined for Ceylon to transport the Meuron troops thither. Paragraph 76. While the necessary preparations are already being made in order to enable the aforementioned chartered ships Josephus de Tweede, De Vrouw Johanna, De Drie Gebroeders, and Het Fortuin, with which a portion of the Württemberg Regiment taken into the service of the Honorable Company was brought here, pursuant to the orders received, to be able within a few days to Arrival of the ship De Jonge Jacob from Batavia, currently lying ready to sail. take in as many men of the Regiment de Meuron stationed here in garrison as can conveniently be placed on those ships, in order to be transported to Ceylon. Paragraph 77. Also arrived here on the 4th of the aforementioned month of December from Batavia the bearer of this, the chartered private ship De Jonge Jacob, which having departed from the aforementioned Indian capital on the 6th of October prior, currently lies ready to sail for the continuation of its voyage to the Netherlands. Unexpected appearance of the Ceylon return ship De Paarl at this government and report from its officers regarding the disasters that befell that vessel on the voyage from Ceylon. Paragraph 78. Furthermore, on the 12th of the aforementioned month of November, very unexpectedly off Robben Island, and from there on the 18th thereafter appearing here in the roadstead, arrived the Ceylon return ship De Paarl; which vessel, according to the report and the account subsequently given thereof by its officers, having departed from Ceylon on the 25th of November of the year 1786, was on the 26th of December thereafter, at the South latitude of 17 degrees and longitude of 93 degrees, struck by a violent hurricane, in which the main and mizzen masts went overboard and were lost, and the ship became so leaky that, despite the continuous operation of three pumps, the water nevertheless continued to increase sharply, while the pumps were constantly choked by the loose pepper and coffee beans washed out from the cargo on board. Paragraph 79. It appearing further from the account that, by the falling overboard of the masts and the rigging, over and above other damage sustained thereby, the ship was so torn open above the waterline that the waist seams stood completely open in some places; and the next day, in the continuing storm, the foretopmast had to be cut away for the preservation of the foremast, on which day, at the relief of the first watch, six feet of water were already found in the ship, and that despite all the continuous pumping, it steadily increased; that when on the 28th thereafter the storm became more violent again, with hollow and high running seas, over and above other significant damage, the tiller broke and the starboard gallery was completely carried away from below by the high seas, and very much water entered the ship through the seams of the counter, so that in the first watch 9 feet of water were already found at the aft pumps, whereupon it was resolved to throw the goods of any weight out of the peak and the gunner's room overboard, the water being baled out of the powder room with tubs, which having been done, a heavy leak was then found in the peak entering through all the bolt holes in the knees, and that with the pitching of the ship, the entire peak moved up and down; Paragraph 80. that the following day, or on the 29th of November, the weather moderating somewhat, eleven feet of water were found in the ship, and that it also began to scoop water over the port side, so that in that most extreme distress and pressing danger for the rescue of a sinking ship and the preservation of the souls on board, the decision then had to be taken to throw the guns on that side overboard, together with some goods, among which were both Company and private consigned goods for this Cape Government, whatever of them added any burden or weight, which then also had the desired result.
Dutch transcription
vertrek van het schip den onzekeren naar Nederland en van vijf uitkomende bodems na Batavia. Het hier vorengem: holl: part: schip den onzekeren den 10 9ber: laatstl: de Reijze van hier naar Nederland vervorderd hebbende zijn op de daarbij vermelde tijden naar Batavia voort„ gestevend, als den 6. Novbr: de Goede Verwagting „ 16 d. o Belvliet „ 24 do de zeevaart en Meerenberg ber 16 A=en 't drie tal handelaars § 74. Terwijl daar en tegen op de besijden Agtb=s aanschrijvens overgezon„ „den te kunnen werden. — gens mitsg=s weder aankomst uit het Patria van de nee„ vens gem: agt scheepen bereijds wederom gede„ „pecheerd „gem: datums uit het Patria ter deezer Rheede zijn aangekomen, als den 24. Novbr: Stavenisse met 38 doden 124. Zieken „ 27 d=o de Phienecier „ 22 _o 33 _o hebbende laatstgem: bodem van den 18 tot den 26 aug=s ter verver„ sching aan 't Eiland S:t Jago gelegen 2 Xben Oud Haarlem met 11 doden 88 zieken „ 3 d„o de Vr. Iohanna „ 17 d:o 90 _:o „ 7 d:o Leijden - „ 11 d. o 75. _o „ 8 d. o de drie gebroeders „ 84. d. o 114. _o „ do d. o de verwagting „ 4 d. o 10. _o „ 20. d.:o 'T Fortuin „ 7. d.:o 14. _o zijnde vijf van dezelve 17/5 van welke kielen de scheepen Stavenisse, de Draenecier, oud Haarlem, Leyden en de Verwagting der h: na de „de terwij „tien op terwijl de nodige preppara„ „tien werden gemaakt om de na Ceilon gedestineer„ „de Parh: scheepen in staat te stellen tot transport der Meuronse troupes na derwaards. - op den 4 deezer wederom ge„ „depecheerd zijn, en dus zeijl rhee leggen, om de Reijse naar Ba„ „tavia voort te zetten: §76. terwijl bereids de nodige praeparatien werden gemaakt om de op ged:e ingehuurde scheepen Iosephus de Tweede, de vr: Johan, na de drie gebroeders en het Fortuin met dewelke alhier is aangebragt een gedeelte van het bij d EComp: in dienst genomen Wurlembergse Regi„ „ment, ingevolge d'ontfangene ordre in staat te stellen om binnen weinige dagen te kun„ nen arriveuent van het thans zeijlvaardig leggend' schip de Ionge Iacob van Batavia „nen inneemen zo veel manschappen van 't alhier guarnisoen hou¬ „dend Regiment van Meuron, als bekwamelijk op die scheepen zullen kunnen werden geplaact ten eijnde naar Ceilon te werden overgevoerd, — 14. Ook is op den 4: der opgem: maand December van Batavia alhier aangekomen brenger deeses het ingehuurd particulier schip de Jonge Iacob het welk den 6 October bevorens van even„ gem: Indiasche Hoofdplaatse vertrokken zijnde thans ter verdere de nam er ber van van 't Ceilons retour schip nement en berigt van dies over„ „heeren nopens de rampen dien bodem op de reijze van Cailon overgekomen verdere reijsvorderinge naar Nederland zeijl reelegd. - onverwagte verschijning 3 7/8. zijnde voorts op den 12: der de Padal aan dit gouver, voorm: maand November zeer onverwagt onder 't Robben Eijland, en van daar op den 18 daar aan hier ter rheede verscheenen het Ceilons retour schip de Paarl; welken Bodem volgens Rapport en het daar van zedert gegeeven Relaas door dies overheeden, den 25 9ber des Jaars 1786. van Ceilon ver„ „trocken zijnde den 26 Xber daar aan op de Z: C=te van 17 Gr: en lengte van 93. gr: door een sellen den te fellen vadaan is belopen geworden waar in de groote= en bezaans masten over boord en verloren geraakten, mitsgaders het schip zodanig lek geworden is, dat tegens het gestadig te werk stellen van drie Pompen aan het water egter bij Continu„ „atie sterk bleef toeneemen, ter„ wijl de pompen gedurig door de los gespaelde peeper en Coffij „bonen van de inhebbende lading onklaar raakten. - §. 79. Blijkende uit het relaas verders, dat het schip door het overboord vallen van de masten masten en het tuig, boven en be„ „halven meer andere schaden daar door bekomen zodanig boven water was opengehaald geworden dat de Lyfnaaden op zommige plaatsen geheel open stonden: en daags daar aan in den aan„ houdende storm tot behoud van de Focke mast de voorsteng had moeten werden gekapt, op wel„ „ken dag met het afgaan der eerste wagt men bereijds ses voeten water in het schip had bevonden, en dat tegens al het gestadig pompen aan, zig steeds vermeer„ „derde: dat ing dat wanneer op den 28 daar aan den Storm wederom feller wor„ „dende, met holle en hoog aan„ schietende zeën, boven en behalven meer andere importante schaden de Roerpen gebroken en de stuurboords galderije van on„ „deren door de hoge zien geheel weggeslagen, en door de naden van het gewulf zeer veel water in 't schip gekomen was, zo dat in d' eerste wagt bereijds 9 voeten water bij de agter Pompen wierd bevonden, waarop men als toen had geresolveerd om de goederen van eenige swaarte swaarte uit het scherpgat en in de Constapels kamer over„ „boord te werpen, werdende het water met balijs uit het kruijt„ „gat geschept, het geen geschied weezende, als toen was bevon„ „den een swaare leccagie in het scherpgat door alle de boutgaten in de knien in te komen, en dat met stampen van het schip, het geheele scherpgat op en needer ging: §80: dat daags daar aan ofte op den 29: 9ber het weer wat beda„ „rende Elff voeten water in het schip bevonden wierd en dat het, zelve „zelve over bakboord zyde meede water begon te scheppen, zo dat in dien alleruittersten nood en dringend gevaar tot redding van een zinkend schip en behoud van de daarop zijnde zielen, als toen het besluit had moeten werden genomen om het geschul aan die zijde mitsgaders ee„ „nige goederen, waar onder zo wel Comp= als particulieren bestel= goederen voor dit Caabse Gouvernement, wat van dezelve maar eenigsints last of swaar„ „te bijbragt over boord te werpen, het geen dan ook van het ge„ wenscht inwel schip kom bevon
English
How the ship and the cargo were found upon arrival at Mauritius: had been the desired effect: Paragraph 81. That the ship's crew, completely exhausted by constant pumping day and night, after the storm having abated, the ship had been somewhat righted and a jury rig set up, the officers, in these dreadful circumstances, had taken the decision to sail for the island of Mauritius as lying closest to leeward. In which condition it was: Paragraph 82. That in consequence thereof, having borne away for that island and arrived there on 13 Jann:, and immediately a beginning having been made with the inspection of the cargo, it was then found that the water had stood ten feet in the middle of the ship above the ceiling, whereby all the saltpetre had melted, and the wetted coffee beans, through the considerable heating in the ship, had become completely burnt black and spoiled; that they found circa two hundred bales of cinnamon damaged, the one more and the other less, all the packs of linen except for sixty-two, as also forty-two bales of cotton yarn soaked through and through, as well as various bales of cardamom, and also a good quantity of the pepper completely spoiled; while upon examining the pump wells it was discovered that they were full to the top with pepper, which was likewise spoiled. With the treatment undertaken: Paragraph 83. That the cargo subsequently having been unloaded and brought ashore, the wetted packs of linen had without any loss of time been washed out in fresh water, bleached, and dried again; but the coffee beans found to be spoiled, having consisted of a quantity of 100'000 lb:, as well as a large part of the pepper which was likewise entirely rotten and could not be re-embarked, had to be thrown into the sea. Having had to purchase a ship from private individuals to obtain the necessary masts, spars, etc. for the ship de Paarl: Paragraph 84. That in order to put the ship itself again in a state to take in and transport the remaining cargo, and because of the lack of heavy spars for masts, which could by no possibility be obtained, the officers had judged it the best means for the interest of the Company to purchase a ship belonging to private shipowners that was laid up there, named the David, with sail and tackle, in order to take out of the same the masts with the rigging and everything else that would be needed for the repair and refitting of the ship de Paarl, and afterwards to resell the hull. Paragraph 85. As had then also happened, and they had bought the said ship the David for a sum of 90'000 French Livres; from which ship, after the masts, spars, the rigging, and whatever else could serve for the repair of the ship de Paarl had been taken out of it, the hull or hulk, which lay sunken, was sold again for 2000 Livres. Paragraph 86. That subsequently, with the assistance of shipwrights and other people both on behalf of the French Government at Mauritius and of the country's ship the Princes Louisa also lying there at the time, the repairs to the ship de Paarl were continued with all possible speed, and that vessel having been put in a condition to take in the remaining cargo again, a beginning was made therewith on 2 April, and on the 15th following, the ship had departed from the roadstead of Port Louis and turned its prow toward this corner of the earth; but that after having had to endure some heavy weather now and then, When the said ship de Paarl departed again from Mauritius: and the disasters endured anew: the ship was finally overtaken on 15 Maij by a heavy storm from the west, which continuing daily from N. N. W:t to S: W:t, the main and garboard seams of the ship had worked open again through the heavy laboring, and thus caused leakage in the hold, which however was remedied as far as possible. Paragraph 88. That on the 22nd of the said month of Maij, during a heavy squall accompanied by lightning and fierce claps of thunder, up to two times the thunder had struck down the mainmast into the ship, though without any other dangerous effect than that one of the bands was knocked off the mainmast, the mast itself, as well as the top of the main topgallant mast, were somewhat damaged, and they had been forced to douse the remaining foul-smelling vapor and smoke between decks everywhere with water. That the stormy weather with high-running seas still continuing, whereby the ship worked so terribly that the entire side, as it were, swayed back and forth, and the decks rose and sank again, so that the fore-channels seemed to go backward and forward, and the after-ship being rather weak, and the leakage increasing daily more and more, such that besides three pumps that were constantly kept going, the royal pump also had to be put to work, for which reason they had to be, not without cause, fearful of new disasters, since the crew moreover was afflicted by the scurvy and utterly exhausted by working day and night; the officers therefore, for all these reasons, had first resolved that if they were not yet below Mosselbaaij, then to put into that same bay. Whereby forced to have to put into the Bay of Rio de la Goa: Paragraph 89. But that this was not possible, and they having already fallen below Mosselbaaij, since the ship, owing to its weakness, could no longer lie to against the high seas, and there was little prospect of fetching the Baaij Fals, that also the provision of water, provisions,
Dutch transcription
schip en de lading bij aan„ komst te Mauritius bevonden is „wenscht Effect was geweest: §81. dat het scheepsvolk door het gestadig pompen bij dag en nagt ten eenemaal afgemat, na dat het schip; den storm bedaard zijnde wat opgeredderd en een waak tuig opgezet was, d'over„ „reeden, in dien akelige omstan„ „digheeden 't besluit hadden ge„ „nomen, om 't Eijland Mauriteus als het naast onderschoot leg„ „gende te bezeijlen: in welken toestand het §82. dat ingevolge van dien na dat Eiland afgehouden en op den 13: Jann: aldaar aange„ „komen, mitsgaders terstond een een begin gemaakt zijnde met de visitatie der lading als toen was bevonden, dat het water, thien voeten in 't midden van 't schip boven de buijk del, „ling had gestaan, waar door al de sulpeter gesmolten, en de nat gewordene Coffij bonen door de Considerable broeijing in 't schip ten eenemaale swart ver„ „brand en bedorven, waren ge„ raakt, dat men Circa twee honderd baalen Caneel, d'eene meer en d'andere minder, bescha¬ „digd, alle de Lywaat pakken op twee en Sestig na, als meede twee ling daar omtrent twee en Veertig baalen Cattoene gaaren, door en door nat, mits„ gaders diversse Balen met Cardamon, en ook een goede quantiteit van de peeper ten ee¬ „nemale bedorven bevonden had; terwijl bij het opneemen der vullings was ontwaard, dat dezelve tot boven toe vol peeper laten die insgelijks bedorven was. - met de gehoudene behanden„ 3. dat de Lading vervolgens ontlost en aan land gebragt zyn„ „de, de nat gewordene Lywaat pakken sonder eenig tijd ver„ zuin in versch water uijtge„ wassen hebbende tot het bekomen van de benodigde masten rond houten etc: voor het schip de Paarl een schip werden ingekogt. „wassen, gebleekt en wederom gedroogd geworden was, dog de bedorven bevondene Coffij„ „bonen in een quantiteit van 100'000 lb: bestaan hebbende, als meede een groot gedeelte van de paper die insgelijks geheel en al verrot en niet we„ „der konde werden ingescheept, in zee had moeten werden ge„ worpen: §84. dat om het schip zelve wee„ „derom in staat te kunnen van particulieren moeten stellen d' overgebleevene La„ „ding wederom in te neemen en te transporteeren, en mits het het gebrek aan swaare Rond„ „houten tot masten, die met geen mogelijkheid te bekomen waaren, zij overheeden als het beste middel voor het belang der maatschappije hadden geoor„ „deeld, om een daar ter plaatse op staand geraakt schip van particuliere Rheeders de David genaamd met zeijl en treil in te koopen, ten eijnde de masten met het tuijg en al het geene verder tot Reparatie en herstel van het schip de Paarl benodigd zoude weezen, uijt hetzelve te neemen, en na„ derhand „derhand de Romp wederom te verkopen: §85. Gelijk dan ook was geschied e men het ged=e schip de David voor een somma van 90'000 fransse Livres ingekogt had: van welk schip na dat de masten Rond¬ houten, het tuig en wat verder tot Reparatie van het schip de Paarl„ konde dienen; uit hetzelve geno„ men waren, het hol of waak het welk gezonken lag, wederom voor 't 2000 Livres was verkogt geworden: §86. dat vervolgens met adsistenti van Timmerlieden en ander volk zo wanneer het ged:e schip de Paarl wederom van is. — zo van wegens 't Frans Gouverne„ Mauritius vertrokken, ment te Mauritius, als van het des tijds meede aldaar leggend lands schip de Princes Louisa, de Reparatien aan het schip de Iaarl met allen mogelijken spoed ƒ voortgezet geworden, en dien bodem instaat gebragt zijnde de overgebleevene Lading wederom in te neemen, op den 2 April daar meede een begin gemaakt en het schip den 15' daar aan van de Rheede van Port Louis was ver„ „trocken en de steeven na deezen uithoek had gewend, dog dat na dat men nu en dan eenig zwaar weer en de rampen op nieuw uitgestaan meer had moeten uitstaan, het schip eindelijk op den 15 Maij door eer zwaren storm uit het westen wa overvallen geworden, dewelke da„ gelijx van het N. N. W:t tot Z: W:t blijvende aanhouden, de Lijf en zet naden van het schip door 't zwaar arbeiden zig wederom had „den opengewerkt, en dus levtagie in het ruim veroorzaakt, het geen egter so veel mogelijk voorzien geworden was. - §88. Dat op den 22 der ged. e maand Maij in een zwaren stormbuij van weerligt en felle dondersla„ „gen verzeld, tot twee malen toe de de donder langs de grote mast in het schip was geslagen, egter zonder eenig ander gevaarlijk effect, dan dat een der banden van de grote mast afgeslagen, de mast zelve, zo wel als de Top van de grote bramsteng eenig„ „zints waren beschadigd geworden, en men genoodzaakt was ge„ „weest om de nagebleeven stin„ „kende damp en Rook tusschen deks, over al met water te begieten. Dat het stormagtig weer met hooglopende ziën nog al blijvende Continueeren, waar door het schip zo vreeslijk werkte werkte, dat de geheele zijde als het waare gelijk over ende weder ging, en de dekken reezen en wede neederzakten, zo dat de fokke rust scheen agter en voor uit te gaan, en't agter schip vrij Zwak zijnde, en de leccagie dagelijx mee en meer toeneemende, zodanig, dat behalven drie pompen die op„ stadig aan de gang wierden ge„ „houden, de Roijale pomp meede moeste werden te werk gesteld, waaromme men niet zonder ree„ „den voor nieuwe rampen bevreest moeste zijn, daar d' Equipagie boven dien door het scorbut aan„ „getast waar geword van moeten geworden is de Baaij van Rio de la Goa te moeten inlopsen getast, en door het dag en nagt arbeiden ten eenemaal afgemat wierd, zij overheeden derhalven om alle die reedenen eerst hadden geresolveerd, om bij aldien nog niet beneeden de Mosselbarij waren, als dan dezelve baaij in te loppen. - waar door genoodzaakt §89. Dan dat zulks niet mogelijk geweest, en men bereids benee„ „den de Mosselbaaij geraakt zijnde, alzo het schip door zijne Zwakheid tegen de hoge ziën niet meer konde bijleggen, en 'er weinig apparentie was, om het na de Baaij sals op te halen, dat ook de provisie van water„ mond„
English
provisions and rations, through the so unfortunate and adverse voyage, were consumed to all but a little, and that the condition of the air and weather indicated nothing other than the surest signs of storms from the west-northwest, whereby they were placed in uncertainty as to how long they might still struggle at sea with a weak and leaky ship and a crew worn out by suffered disasters before they would be able to obtain an opportunity to make for some safe harbor under the Honorable Company's jurisdiction, the officers had therefore, for all these cited reasons, for the preservation of ship, cargo, and souls, taken the resolution on 8 June to bear away for Rio de la Goa, in order to be able to caulk the ship there as much as possible and to provide themselves with the necessary and lacking provisions. §90. That having steered onward to the bay of Rio de la Goa pursuant thereto, anchor was cast there in the river on 30 June, and they had thereupon made a beginning with caulking and repairing the ship outside and inside board, as well as providing themselves with the necessary foodstuffs, water, and firewood, whereupon the officers had departed from there again on 12 October. §91. Upon which received report, the acting Master of Naval Equipment Ian Arnold Voltelen, alongside the naval Captains present here, Christiaan van Veerden and François du Minij, as well as the commander Daniel de Haas, have been expressly commissioned: firstly, to examine the journals kept by the officers of the said ship de Paarl, in order to trace and discover therefrom for what reasons and causes the said officers on the homeward voyage from Ceylon first called at the island of Mauritius and subsequently, departing from there, ran into the bay of Rio de la Goa, as well as whether the causes and circumstances which the said officers would put forward for this had unavoidably forced and compelled them thereto; furthermore, to take a careful inspection of the cargo of the said ship, and to investigate in what condition that cargo was found to be, and whether any damage or spoilage was caused to it by leakage or otherwise; and finally, with the assistance of the Master of the Shipwrights of the Company's yard here, Meindert van Eijk, as well as such other shipwrights as might be required thereto, to take an exact survey of the condition of the aforementioned ship de Paarl itself, what repairs had been done to it according to the statement of its officers at the aforementioned Mauritius, what damages that vessel had since suffered again, whether the same were of such a nature and importance that in order to make the necessary repairs to it, the cargo would have to be discharged here, or in what manner the defects to be found thereon could best be repaired, and whether that vessel could thereby be put in a state to put to sea again with confidence. §92. While furthermore it having been taken into consideration by us that, if the condition of the said ship de Paarl should be found to be such that the Company's cargo could not be transported further to the fatherland with it, but that another vessel would have to be employed for that purpose, and that the chartered private ship de Vreede, which having been loaded almost entirely for this Government, was then discharged and lay in readiness to continue the voyage further to Batavia with the little that remained in it pursuant to the charter party, was the only opportunity of which use could be made to have the Company's important cargo conveyed to the destined place in the aforesaid case, so that if that vessel were to depart from here, very likely no other occasion would present itself for that purpose, but that cargo would have to remain here for a long time to the great disadvantage of the Honorable Company, without one also having a suitable and adequate space on hand for storing it; therefore, for that reason, the master of the said ship de Vreede was ordered to have to remain waiting here until, after the examination of the aforementioned ship de Paarl was made, it should be learned whether use would have to be made of his vessel de Vreede under his command for taking in and conveying the cargo of the aforementioned ship de Paarl. §93. The examination and inspection of the said ship de Paarl and its cargo having taken place in the manner as cited above, it was thereupon reported by the aforementioned commission: That upon examination of the journals of the ship's officers of that vessel, it was found that the hurricane which that vessel encountered at the south latitude between 17 and 18 degrees, and longitude of 92 degrees, the defects that arose on that occasion to
Dutch transcription
bekom mondbehoeften en randsoenen door de zo ongelukkige en tegenspoedi„ „ge reijse tot op nog een wijnig na„ waren geconsumeerd, en dat de ge„ „steldheid van de lugt en het wede„ niets anders dan de zeekerste henteekens van stormen uit den ten W=t N: W=ter aanduiden, waar door men dus in het onzeekere was ge„ „steed, hoe lange men missihien nog met een zwak en lek schip en eene door uitgestane rampen afgesloofde Equipagie op zee konde zukkelen, al eer men ge„ „leegentheid zoude kunnen bekomen, een of andere veilige haven, onder 'S E Comp: alwaa „reer na „ken alwaar wederom van de bekomene schade gerepa„ „reert zijnde den 12 8ber na herwaards vertrok„ „ken is. - 's EComp: ressort te bezeilen; zij overheeden dierhalven om alle deeze aangehaalde reedenen, tot behoud van schip lading en zielen op den 8 Iuny het besluijt hadden genomen, om naar Rio de la goa afte houden, ten einde het schip aldaar zo veel mogelijk te kunnen werden gecalfaat, en zig van de nodige en ontbreekende provisien te voorzien: §90. Dat ingevolge van dien naar de baaij van Ria dela goa voortgesteevend zynde, op den 30 Iunij aldaar in de Rivier het anker was geworpen, en men daar gestelde Commissie tot 't Examineeren van de Journalen op dat schip gehouden. daar op een begin had gemaakt om het schip buiten en binnen boord te calfaten en te repareeren mitsgaders zig van de benodigde leevensmiddelen, water en brand„ „hout te voorzien, waar op zij over„ „heeden den 12 October wederom van daar vertrokken waaren — §91. Op welk bekomen Rapport den pro Interim Equipagiemees„ „ter Ian Arnold voltelen, be„ neevens de hier aanweezende Capitains ter zee Christiaan van Veerden en François du Minij mitsg=s den gezaghebber Daniel de Haas Expres gecom¬ mitteerd mitteerd geworden zijn, eerstelijk om t' Examineeren de Iournaalen gehouden bij d' overheeden van het ged=e schip de Paarl ten einde daar uit nategaan, en t'ontwaren om welke reedenen en oorzaken dezelve overheeden in de her„ waardsreize van Ceilon eerst 't Eiland Mauritius hebben aan„ „gedaan, en naderhand van daar vertrekkende, de Baaij van Rio de la Goa binnen gelopen zijn, mitsg=s of de oorzaken en omstandigheeden dewelke gem: overheeden hier toe bijbrengen zouden hun onvermijdelijk daar en zo meede tot inspectie der overgebleevene lading, mitsg=s visitatie van het schip Zelve daar toe hebben gedrongen en genoodzaakt gehad, voorts om nauwkeurige inspectie te neemen van de Lading van het gem: schip, en t'onderzoeken in welke toe„ stand die lading zig kwam te bevinden, en of aan dezelve eenige schade of bederf door lectagie als anderzints was veroor„ zaakt geworden: en eindelijk om met adsistentie van den Baas der scheeps Timmerlieden van 'sComp:s werf alhier Meindert van Eijk, mitsg:s nog sodanige andere scheepe Timmerlieden als daar toe mogten werden vereischt vereischt exact opteneemen den toestand van 't meergem: schip de Paarl zelve, welke reparatien aan hetzelve na de opgave van dies overheeden te Mauritius voorm: waren gedaan, welke schaden dien Bodem zedert wederom had bekomen of dezelve waren van dien aart en dat belang, dat om de nodige reparatien daar aan te doen, de Lading alhier zoude moeten werden ontlost, dan wel op hoedanige wijze de daar aan te bevindene gebree„ „ken best zouden kunnen werden gerepareerd, en of dien Bodem daar genomen is, om bij nood„ zakelijkheid 't part: schip de vreede t'emploijeeren tot transport der Lading van de Iaars daar door in staat zoude kunnen werden gebragt, om met gerust„ heid wederom zee te bouwen. - terwijl intusschen in beraad §92. Terwijl verders bij ons in overweeging genomen zijnde, dat wanneer den toestand van het ged=e schip de Paarl zodanig mogt werden bevonden dat Comp: Lading met hetzelve niet verder naar het vaderland zoude kunnen werden getransporteerd, maar dat daar toe een anderen bodem zoude moeten werden g'em„ „ploijeerd, en dat het ingehuurd par„ ticulier schip de vreede, het welk genoegzaam geheel voor dit Gou„ vernement „vernement beladen geweest zynde, toen ontlost en in gereedheid lag, om met het weinige, dat daar in nog overgebleeven was, ingevolge de Cherte parthij de reize verder naar Batavia voort te zetten, d' eenigste geleegendheid was, van welke men zoude kunnen gebruik maken van in het voorsz: geval 's Comp: importante Lading, na de gedestineerde plaatze te doen overbrengen, zo dat, wanneer dien bodem van hier kwam te vertrek, „ken, zig daar toe zeer ligtelyk geene andere ocragie meer zoude kunnen opdoen, maar die Lading, tot en derhalven den schipper van ged:e bodem de vreede aan„ gezegt geworden om zo lange hier te vertoeven tot dat de visitatie van de Paart zoude weezen geschied. tot groot nadeel der EComp: alhier nog lange zoude moeten verblijven, zonder dat men ook tot berging derzelve eene geschikte en bekwa„ „me ruimte aan handen hadde, is dierhalven om die reeden den schipper van 't ged:e schip de vreede aangezegd geworden, alhier nog te moeten blijven vertoeven tot dat na gedaane Examinatie van 't voorm: schip de Paars men in ervaringe zoude gekomen zijn, of van ged:e zijn onderhebbenden bodem de vreede tot het innee„ „men en overbrengen der Lading van het meerm: schip de Paarl zoude berigt van voorsz: Commisse nopens den toestand van dien bodem, in zo verre zulx voor als nog konde geschieden zoude moeten werden gebruik ge„ „maakt. — De Examinatie en visitatie §93 van't ged:e schip de Paarl en dies inlading, dan invoegen als hier voren aangehaald, geschied zijnde, is daarop door de voorm: Commissie gerapporteerd: Dat bij Examinatie der sour„ „nalen van de scheeps overheeden dier Bodem bevonden was, dat het ordaan, welke dien Bodem op de zuider breedte tusschen de 17 en 18 graden, en lengte van 92 graden heeft ontmoet, de bij die geleegendheid ontstane gebreeken aan
English
on the ship in the loss of rigging, the aforesaid deceased had inevitably forced them to choose the nearest port, which at that time was Port Louis on the Island of Mauritius: 594. That notwithstanding the rebuildings and repairs performed there and stated in that report, after having left the said port again, both the heavy leakage of the ship that had been discovered anew and the persistent storms and headwinds on the reef of Agulhas in the worst season of the year, the scurvy that broke out among the crew, the scarcity of provisions, and the despondency of the people to be feared therefrom, had been concurrent reasons and circumstances by which the said officers had found themselves compelled once again to enter the Bay of Rio de la Goa. § 95. That upon inspection of the cargo, as far as this could be done from above, several bales of cinnamon having been found heavily damaged, it was not possible for the committee members, without discharging the cargo, to give any report of its true condition, damage, or spoilage: § 96. That with respect to the defects that have revealed themselves on the ship since the rebuilding at Port Louis, on the one hand, the information from the ship's officers that the ship, when rolling, worked 4 to 5 inches out of its frame, the stern gave way when pitching, and also the ends of the wales gave way by 5 inches in some places through working, as well as that the ship then gave way by an inch on both sides of its stems, that the sheer strake was out of its fastenings, and almost all the knees were loose, that it had also been discovered while lying at Rio de la Goa, under the nail room in the break of the bow, that two planks were entirely loose, that when rolling the bolts along the entire starboard and port sides worked in and out by half an inch, and that at sea in bad weather they had barely been able to keep the ship pumped dry with three ordinary ship's pumps and the royal pump, and that even in good weather two pumps had always had to be used, just as now, lying here in the roadstead, 18 to 19 inches of water was pumped out of the ship fifteen to sixteen times in twenty-four hours; § 97. and on the other hand, although they, the committee members, were not in a position, without a complete discharge of the ship, to report on all the defects likely still to be found therein, nor on the manner in which the same could best be put in such a condition as to put to sea again with complete peace of mind, from the context of the above-mentioned information obtained, it nevertheless had to be concluded by them with the greatest probability that, even if there were a possibility for these repairs in Saldanha Bay and that vessel could thus be made fit for the transport of a cargo, the same repairs would nevertheless exceed the present realizable value of the ship; besides that the required timbers were not on hand for such a rebuilding, and would then first have to be requisitioned from the Fatherland; and that even if such timbers were also found here, nevertheless with the small number of shipwrights, even if all other work stood still—which would have to be neglected for the expected return ships in case of defects—such a prolonged time would be needed for this that the Honorable Company might meanwhile long enjoy the benefits of the cargo, besides the apprehension expressed by the committee members that, when the upper hull might thereafter be ready, the lower hull could in the meantime be half eaten away by the shipworm prevailing here. § 98. Concerning this condition of the aforementioned vessel De Paarl, we thereupon deliberated, and took further into consideration whether in this case it would not be best and safest, as had already been envisioned as the suitable means for this by reason of the lack of suitable storage space here on land, as has already been cited herebefore, to have the cargo of the aforementioned ship De Paarl transferred into the present chartered private ship De Vreede, in order not only to be able to effect the discharge of that vessel more quickly, but also, as the condition of the said ship De Paarl would then entail, either to have the same cargo reloaded into that vessel, or else, this not being able to be done, to let it remain in the said ship De Vreede, and in such case to let the last-mentioned vessel return therewith to the Fatherland, in order thus, should necessity come to demand the latter, not only to save many costs for the Company which one would have to expend both for bringing the cargo ashore and reloading it and for renting warehouses from private individuals, but also in that same latter case to prevent the packages and bales, which had already suffered much hardship during the unloading at Port Louis, from being further damaged by the frequent handling and transporting here on land and rendered unfit for further shipment, nor that any damage, spoilage, or loss should arise to the linens and other laden goods: § 99. But against which the skipper—for since the skipper of the aforementioned chartered private ship De Vreede, Phijs Keetel, having already been informed of this plan concerning his vessel, has entered an opposition.
Dutch transcription
aan het schip in het verlies van tuig gem: overleeden onvermijde, lijk hadden genoodzaakt, de naaste haven te kiesen, ter dien tijd Port Louis op 't Eijland Mauritius geweest zijnde: 594. Dat niet tegenstaande de aldaar gedane, en bij dat rap„ „port opgegeeven werdende vertim„ meringen en reparatien, na dezel¬ „ve haven weder te hebben verlaten zo wel de zig op nieuw ontdekt hebbende zwaare leccagie van het schip als de aanhoudende stormen en tegenwinden op het rif van Anguilhas in het slegste Jaar Iaar Laisoen, 't bij gekomen scorbut onder d' Equipagie, minheid van provisie en daar uit te dugtene moedeloosheid van't volk te zamen„ lopende reedenen en omstandig¬ heeden waren geweest, door welke ged.:e overheeden zig andermaal gedrongen hadden gevonden de Baaij van Rio de la Goa binnen te lopen. — § 95. Dat bij inspectie der Lading voor zo verre zulks van boven heeft kunnen geschieden, ver„ scheide Balen Caneel La Zwaar beschadigd zijnde bevonden, het hun gecommitteerdens niet mo„ „gelijk gelijk was zonder ontlossing der Lading van derzelver waren toestand; schade of bederf ee„ „nig berigt te geeven:— §96: Dat ten opzigte der gebree„ „ken, welke zedert de vertimme„ „ring te Port Louis zig aan het schip hebben ontdekt, aan de eene zijde de informatien van de scheeps overheeden, dat 't schip slingerende 4 a 5 duimen uit zijn verband werkte, het agter schip met stampen afweek, en ook de Enden der berghouten op sommige plaatsen met werken 5 duim afweeken, mitsg=s dat het het schip als dan een duim aan weerzijden van zijne stevens week, dat de breegang uit zijn spannings, en meest alle de haken los waren, dat men ook te Rio de la Goa leggende, ontdekt, hadde, onder de spijker huis in het breeken vande boeg: Twee planken geheel los te zyn, dat slingerende de bouten langs de geheele stuur en bakboord zijde een halve duim in en uitwerkten, en dat zij op zee met slegt weer met drie ordinaire scheeps pom„ „pen en de roijale pomp het schip nauwlyx hadden kunnen lens houden en dat of schoon zonder eene volkomene ontlossing van dat schip, over dies wezentlijken staat niet konden werden geoordeeld houden, dat ook met goed meer altoos Twee pompen gebruikt hadden moeten werden, gelijk meede thans hier ter rheede leg„ „gende in het Etmaal vijfthien a sesthien malen 18 a 19 duim water uit het schip wierd gepon §97. en aan de andere zijde oferschoon zij gecommitteerdens niet in staat waren, zonder volkomene ontlossing van 't schip ten opzigte van alle de nog waar„ scheinlijk daar aan te vindene gebreeken berigt te doen, nog ook de wijze op welke dezelve het best zoude kunnen werden in wit alle omstandig heeden genoegzaam konde werden besloten dat de reparatien daar van alhier niet wel zoude kunnen geschieden met de reedenen hier toe in staat gebragt, om wederom met volkomen gerustheid zee le bouwen, uit den Zamenhang der bovengem: bekomene Informatien, met de grootste waarschijnlijkheid bij hun egter moest werden besloten, dat zo 'er tot deeze reparatien al in de saldanhabaaij moge„ „lijkheid was en dien Bodem dus tot den overvoer van een Lading konde werden bekwaam gemaakt, dezelve reparatien egter de tegenswoordig bedragen kunnende waarde van het schip zouden surpasseeren, behalven dat tot eene zodanige vertimmering de de vereischte houtwerken niet aan handen waren, en dan nog eerst uit het Patria zouden moeten werden geEischt, en dat of schoon dusdanige houtwer„ „ken zig ook alhier bevonden nogthans met het min getal van scheeps Timmerlieden, al, hoewel al het ander werk stil stond, het geene aan de te verwag„ ten Staande Retour scheepen in Cas van gebreeken soude moeten werden verzuimd, daar toe eene zodanige langdarige tijd nodig zoude zijn, dat d'E Comp: intusschen lang van de voordeelen der des nader geraadpleegd is om het part: schip de vreeds. voor eerst te gebruiken om de lading van de Paarl daar in over te scheepen der lading zoude kunnen Jouis„ „seeren, behalven de bij hun gecom„ „mitteerdens opgegeeven werdende dugtiging, dat wanneer het bovenschap daar na gereed zoude mogen weezen, 't onderschip door de alhier grasseerende vorm in„ tusschen half doorknaagt konde zijn. - §98. Over deezen toestand van voorm: Bodem de Paarl hebben wij daarop geraadpleegd, en wel nader in bedenking genomen of niet in dit geval best en vei„ „ligst zoude zijn, om gelijk men zulks uit hoofde van gebrek aan aan bekwame bergplaats hier aan land, zo als hier voren bereid is aangehaald, als het bekwaam middel daar toe reeds op het oog hadde gehad, de Lading van het voorm: schip de Paars te doen over brengen, in het aanweezend in ge „huurd partz schip de vreede, ten einde niet alleen spoediger de ontlossing van dien bodem te kunnen Effectueeren, maar ook na dat den toestand van het ged:e schip de Paarl zulks als dan zoude meede brengen, het zij dezelve lading weeder in dien bodem te doen inscheepen, dan dan wel, dit niet kunnende geschie„ „den, in het ged e schip de vreede te laten verblijven, en laastgemelde bodem in zulken gevalle daar meede na het Patria te laten re„ „tourneeren, om dus bij aldien de noodzakelijkheid het laatste zoude komen te vorderen daar„ meede niet alleen veele kosten, welke men zo tot het aan land brengen en weeder in scheepen der Lading als tot het inhuuren der pakhuizen van Particulieren aante wenden had, voor de Comp: te besparen waar ook in hetzelve laatste geval voor te komen, dat de § 99. Phijs keetel in oppositie gekomen is. - de Pakken en Balen, welke bij het lossen te Port Louis reeds veel moeite geleeden hebben, door het menigvuldig verwerken en Transporteeren hier aan Land niet meer beschadigd, en tot de verdere inscheeping onbekwaam gemaakt wierden, nog ook aan de Lywaten en verdere ingeladene goederen geene schade, bederf ofte verlies kwam te ontstaan: dog waar tegen den schipper Dan dewijl den schipper van 't voorm: ingehuurd particulier schip de vreede Phijs Keetel van dit plan omtrend zijn bodem reeds geinformeerd geworden zynde,
English
being, had given to understand that he would never be able nor permitted to tolerate that his aforementioned vessel under his command should be used in such a manner as a warehouse for the aforementioned cargo, because not only this, but also otherwise it would be contrary to the charter party of that ship and to the detriment of its owners, his principals; that he was thereby kept in uncertainty as to whether that ship would have to continue the further voyage to Batavia, or whether this government, to whose orders he was obliged to submit, would see fit to make use of the same for the further conveyance of the aforementioned cargo to the Fatherland, we thus found ourselves under the necessity to come to a final decision in this matter. 100. And thereupon, on the one hand, it was taken into consideration that the repeatedly mentioned ship de Paarl, according to the statement in the aforesaid report of the commission based on the information given by its officers, was in such a condition that, even if upon the unloading of the goods the possibility were discovered to repair this vessel, the time that would have to elapse therewith would conflict too much with the interest of the Company—the sooner the better—than that it would be advisable to detain that cargo here for so long, since there was no certainty whether for a long time another suitable opportunity for its dispatch would present itself; and that it must also tend to the detriment of the cargo if it, over and above what had been done to it at Port Louis, were once again first brought ashore and subsequently had to be moved again for embarkation; while on the other hand, although the charter party of the said ship de Vreede did not expressly entail that this vessel could be laden on the return from here, wherefore in respect of the freight charges in such case also no stipulation was made, and the skipper Rrijs Keetel had declared that he, by his principals the owners of that ship, did not find himself authorized either to break the charter party and to enter into a further convention regarding the freight charges for the return voyage from here, but only considered it his duty to obey the orders of this government insofar as use should have to be made of his vessel for a return cargo in the service of the Honourable Company as charterers thereof, and the determination of the freight charges was then left to a further agreement between the Company and his aforementioned principals themselves. 101. Consequently, all this having then been further considered, that whatever further convention between the Company and the owners regarding the freight charges might succeed, in any case no further pretension could be made on that account than for the entire outward and homeward voyage to and from Batavia, and that it would then also accord more with the Company's interest to see that cargo at home a year earlier than to remain deprived of it so much longer and in the meantime have to fear or expect various kinds of damage and decay to it. 102. Thus we have judged it best to designate the repeatedly mentioned hired private ship de Vreede, as being of sufficient size for this purpose, to take in the entire cargo of the above-mentioned ship de Paarl and to let it return therewith for the Presidial Chamber of Amsterdam, whither that cargo is destined according to the invoice. 103. Pursuant to which also the repeatedly mentioned cargo brought here by the frequently mentioned ship de Paarl, still consisting of: 198399 lb. Pepper 16650 lb. Sappan wood 147837 lb. Cowries 418 packs of diverse Linens 67 bales of Cotton yarn 1600 ditto Cinnamon 76 ditto Cardamom 1 small chest with 12 lb. Cinnamon oil, except for 27 packs of Linens which were found wet, damaged, and rotten, and had to be kept here until further disposition, were discharged from that vessel and transshipped into the aforesaid private ship de Vreede, to which has also been added the quantity of: 654 bales of Coffee beans, which, according to what has already been advised in our aforementioned humble letter of 2 November past, were purchased for the Honourable Company from the French ship l'Auguste; 104. While also, of the best and different kinds of Cape wines that are currently on hand in the Company's wine cellar, as much will be dispatched per invoice to the Fatherland with the said ship de Vreede as can conveniently be done to fill up the remaining space in that vessel. 105. But since, by the skipper of the repeatedly mentioned ship de Vreede, Rrijs Keetel, with respect to our aforesaid disposition to cause his vessel under his command to return again from here for the Presidial Chamber with the cargo of the ship de Paarl, there was delivered here a
Dutch transcription
zijnde, te verstaan gegeeven had, nimmer te zullen kunnen nog mogen gedogen, dat gem: zijn onderhebbenden bodem, indiervoe„ „gen als tot een Pakhuis voor de gem: Lading wierd gebruikt, dewijl niet alleen dit, maar ook anderzints tegens de Cherte parthije van dat schip en tot nadeel van dies Reeders zijne principalen verstrekken zoude, dat hij dus doende in 't onzekere wierd gehouden, of dat schip de verdere reize na Batavia zoude moeten voortzetten, dan wel of dit gouvernement, aan welkers ordres in Consideratie gekomen is. ordres hij genoodzaakt was zig te onderwerpen, goedvinden zoude, van het zelve tot verdere overbren„ ging van gem: lading naar 't Pa„ „tria gebruik te maken, zo vonden wij ons in de noodzakelijkheid nader gebragt om ten deezen finaal te besluijten: wat hier op nog al verder 100. En is daar op aan d' eene zyde in consideratie genomen, dat het meergem: schip de Paarl na de opgave bij het voorsz: rapport der Commissie volgens de infor„ matien die de overheeden van het„ zelve gegeeven hadden, gedaan, zig in zodanigen toestand bwond dat met de reedenen voor het belang der Maatschappij dat de Lading van 't schip na 't Patria wierd ver„ zonder. - dat al waar het ook dat bij de ont„ lossing der goederen de mogelijk„ „heid, ontdekt wierd om dien bodem le vertimmeren, den tid egter die daar meede zoude moeten ver„ lopen, te veel strijdigheid met het belang der Maatscha ppij de Paarl hoe eer hoeliever meede bragt, dan dat het raadsaam zoude zijn die lading hier zo lange aan te houden, nadien men geen zekerheid had of nog wel in lange een andere bekwaame geleegendheid tot dies verzen„ „ding voorkomen zoude en dat daar bij ook ten nadeele der la„ „ding verstrekken moest, wan„ neer „neer men dezelve boven het geene daar aan te Port Louis is ge„ „schied, andermaal eerst aan land bragt, en naderhand ter inschee¬ „ping wederom moest verwekken, mitsg=s aan de andere zijde, dat hoewel de Cherte parthije van het gedagte schip de vreede niet ex„ presselijk meede bragt, dat dien Bodem in retour van hier, zoude kunnen werden beladen, waarom ten opzigte der vragt penningen in zulken gevalle ook geene suipu„ „latie is gemaakt, en den schipper Rrijs Keetel gedeclareerd had, dat hij zig door zijne principalen de en welke zwarigheeden door voorm: schipper Keetel nog al zyn geopperd. egter gedeclareerd heb„ „bende zijne verpligting om aan onze ordres te obedieeren de Rheeders van dat schip meede niet gequalificeerd vond om de Cherte parthije te breeken en om„ tend de vragtpenningen voor de te rag reize van hier, een nadere Conventie aan te gaan, maar bij hem alleen geagt wierd zijne verpligting meede te brengen om aan de ordres van dit gou„ „vernement te obedieeren, in zo verre van zijn Bodem tot een retour lading ten dienste der EComp: als bevragters daar van zoude moeten werden gebruik gemaakt, en de bepaling der vragt„ penningen, als dan aan een nader schip de Vreede gedeeti„ meerm: lading van de Paarl. — nader acvoort tusschen de Comp=ie en gem: zijne principalen zelve wierd overgelaten. - hebben wij 't voormelde §101. mits welk een en ander „neerd tot transport der dan verder geoordeeld zijnde, dat hoedanig ook een nadere Conventie tusschen de Compagnie en de Rheeders omtrend de vragt, penningen zoude mogen sucie„ „deeren in allen gevalle deswee„ „gens egter geene verdere pre„ „tensie konde werden gemaakt, als voor de gantsche uit en shuis reize na en van Batavia en dat het ook als dan nog meer met 's Comp:s Intrest stroken zoude zoude, die Lading een Iaar vroe„ „ger t' huis te zien, dan van dezelve zo veel langer ontstoken te blijven, en daar aan onder= „tusschen veelerlei schade en bederf te moeten vreezen of verwagten. - §102. zo hebben wij best geoordeeld het meergem: ingehuurd part: schip de vreede als hier toe van genoegzame grote zijnde, te des„ „tineeren tot het inneemen der gantsche Lading van het boven„ gemelde schip de Paarl en dezelve daar meede voor de Praesidiale kamer Amsterdam werwaards die Lading volgens de Factuur bestemd waar in dezelve komt te bestaan bestemd is te laten retourneeren, § 103. ingevolge het welke aan ook de meerm: hier aangebragte La„ „ding van het dikwils gem: schip de Paars nog bestaan hebbende in 198399 lb: Peeper 16650 „ sappan hout 147837 „ Cauris 418 pakken diversse Lijwaten 67 baalen Cattoene gaarn 1600 do Caneel 76 do Cardamon 1. kasje met 12 lb. Caneel olij behal„ „ven 27 packen Lywaaten, de„ „welke nat, aangeslagen en verrot bevonden, en alhier tot nadere de nevensitem: quantiteit bourbonse Coffij bonen alhier ingekogt. en eenige beste en differente nadere dispositie hebben moeten werden aangehouden uit dien bodem gelost en in het voorm: particulier schipt de vreede zijn zijnde daar bij nog gevoegd overgescheept geworden en waar bij nog is gevoegd de quantiteit van 654. baalen Coffij bonen dewelke gevolgens het bereids g'adviseer„ „de bij onze hier vorengem: onder„ „danige van 2. November passato van 't fransch schip l' Auguste voor d' EComp: zijn ingekogt:— § 104. terwijl nog van de beste en zoorten van Caabse wijnen differente soorten van wijnen die men in 's Comps wijnkelder thans in § 105. schip de vreede tegens on„ „ze voorsz: dispositie over zynen onderhebbenden bodem geprotesteerd hebbende. thans aan de hand heeft met het ged=e schip de vreede p:r factuur na 't Patria zal werden afge„ zonden zo veel als tot opvulling der in dien bodem overgebleevene ruimte bekwaamlijk zal kunnen geschieden: den schipper van het meerm: Dan nadien door den schipper van het meerm: schip de vreede Phijs Keetel ten opzigte onzer voorsz: dispositie om zijn on„ „derhebbende Bodem met de la„ „ding van 't schip de Paarl weeder van hier voor de Praesidiale kamer te doen te rug keeren, alhier overgeleeverd geworden is een
English
a copy of which deed is sent herewith. A written notarial protest against the said arrangement, and his determined return, as well as against all damages, costs, and otherwise, which he, his owners, or any other interested parties might come to suffer thereby, with all that follows thereupon. Yet, having found oneself in the unavoidable necessity of such an arrangement through lack of any other suitable ship opportunity, no change could be made therein, whereby one also had to persevere therein. We solely take the liberty of dutifully informing your Right Honorable Worships hereby of the aforesaid formality observed by Skipper Keetel, under transmission of a copy of the deed of protest. § 106. Having thus respectfully brought to the knowledge of your Right Honorable Worships all the measures taken by us thus far with regard to the aforesaid ship de Paarl and its remaining cargo, we therefore hope that the same may receive your Right Honorable Worships' honored approval. Furthermore, we shall not fail, as soon as the further report of the appointed sea and shipwrights regarding the condition of the often-mentioned ship de Paarl itself shall have arrived, which will now take place after the unloading of that vessel, to give your Right Honorable Worships likewise a further and due report thereof. And also, upon the dispatch of that cargo with the ship de Vreede, to supply to the presiding chamber in original all the papers relating to the aforementioned ship de Paarl delivered here by the officers of that vessel for their accounting, as well as the account delivered by them and afterward verified and sworn to of everything that has occurred since their departure from Ceylon until now, both in relation to the ship itself and the cargo, together with the journal kept on that vessel. § 107. On the 5th of December last, there having also appeared here in the roadstead the Ceylon return ship de Draak, which departed on the 21st of February of the past year from the Bay of Punto Gale and, according to our previous advices, likewise put into the island of Mauritius, and also departed from there again on the 22nd of October, the officers of that vessel have provisionally given the following oral report regarding that voyage and what they encountered therein: § 108. That after their departure from Punto Gale on the 25th of March thereafter, at the estimated South latitude of 22 degrees and 22 minutes and longitude 84 degrees 48 minutes, it was overtaken by a flying storm and violent hurricane with a terrifyingly high sea, whereby the ship labored heavily and had taken on much water. § 109. That the storm and hurricane, rising more and more in a most terrifying manner, and the sky and sea appearing as if merged into one, with bursts of fearful lightning flashes and thunderclaps and a multitude of electric fires that hovered around the ship, which caused a dreadful sight; the sails, which nevertheless at the first onset of the storm were already very well secured under the yards, were suddenly torn away by the wind, just as if they had been cut off from the yards; and because the ship, due to the terrible, still increasing winds, continually remained lying with the leeboard in the water, one then had to take the decision to throw overboard 9 pieces of cannon with all the shot that lay beside them on that side, while one piece of cannon to windward was knocked away by the heavy rolling of the ship. § 110. That the weather, still constantly rising more and more in this most furious hurricane, and the winds running from the South and South-Southwest, accompanied by terrifying thunder and lightning, the ship was finally blown under water with the leeboard and half-deck up to the main hatch, and seemed destined to remain suffocated beneath the fearful seas, so much so that the fore-ship was already under, without it being able to rise again, and whereby considerably much water was taken on. § 111. That then, in this most extreme distress, for the preservation of ship and souls, the decision had to be taken to cut the mainmast, pursuant to which, with much effort, two shrouds to windward and the main rigging to leeward having been cut, thereupon immediately all three masts with all their rigging fell overboard, and the ship, from time to time, yet with very great effort, rose again. § 112. That meanwhile every effort had been made to get rid of the wreckage, and to get the water, which stood three feet high between decks, out of the ship, while all the pumps had become clogged by the loose pepper washed about, so that one had very great difficulty in clearing them each time. That also by a heavy shipping sea, which the starboard gallery and stern transom
Dutch transcription
werd Copia dier acte nevens dezen overge„ „zonden. een schriftelijk notarieele pro„ „test tegens de gem: schikkinge, en zijn bepaald retour mitsg=s tegens alle schade kosten als anderzints, dewelke hij zijne Rheeders ofte alle andere gein¬ „teresseerdens daar door mogten komen te lijden met't geene daar verder op volgd: dog men zig tot eene zodanige schikkinge in de onvermijdelijke noodzake„ „lijkheid gevonden hebbende door manquement aan eenige andere bekwaame scheeps geleegendheid, daar in geen veranderinge kon¬ „de maken, mits welke ook daar bij in hope dat alle onze gehoudene maatregulen uwer wel Edele Hoog agtb:e g'eerde goedkeu„ „ringe zullen mogen er„ „hangen bij hebben moeten blijven per„ „sevireeren, neemen wij eenelijk de vrijheid uwe wel Edele Hoog Crens Agtb=ren van de voorm: door den schipper Keetel geobserveerde formaliteit onder overzendinge van Copia der acte van protest pligtschuldig kennisse te gee„ „ven bij deezen. — § 106. Aan uwe wel Edele Hoog Agtb=ren dus eerbiedig ter ken„ „nisse gebragt hebbende alle de maatregulen bij ons tot hier toe genomen met opzigt tot het voorm: schip de Paarl en dies overge„ bleeven Lading, hopen wij der„ „halven zullende na ingekomen berigt nopens de gesteld„ „heid van 't schip de Iaars aan hoogst dezelve na„ „der verslag gegeeven halven dat dezelve Uwer Wel Edele Hoog agtb: g'Eerde goedkeuring zullen mogen wegdragen, en zul„ „len wij voorts niet in gebreeken blijven zo dra zal weezen inge„ komen het nader berigt van ge„ „committeerde zee en scheeps„ Timmerlieden nopens de ge„ „steldheid van het meerm: schip de Paarl zelve, het welk als nu na d'ontlossing van dien bodem zal komen te geschieden, uwe Wel Edele Hoog Agtb=rens als dan daar van insgelijx na¬ „der en verschuldigd verslag te geeven: en zo meede om bij de af¬ zending overgezonden werden en alle verdere papieren gegeeven en aan de presidiale kamer, zending dier Lading met het schi het relaas der overheeden de vreede ook aan de praesidiale door dezelve alhier over, kamer in originalij te supppedi„ „teeren alle de papieren betrek kelijk tot het opgem: schip de Laar door d' overheeden van dien bodem ter hunner verantwoordinge alhier afgegeeven en zo meede het door hun gegeeven en nader „hand gerecolleerd en beeedigd Relaas van al het geene Seeder hunl: vertrek van Ceilon tot hier toe, so met relatie tot het schip zelve als de Lading is voorge„ „vallen, beneevens het Journaal op dien Bodem gehouden. - de retour schip de Dadak arrivement van 't Ceilons §107. Op den 5:' December Jongstl: meede hier ter Rheede verscheenen zijnde het Ceilons retour schip de Draak het welk den 21 febr: des voorl: Jaars uit de Baaij van Punto Gale vertrokken en volgens onze vorige advisen insgelijx aan 't Eiland Mauri„ tius ter houw gekomen, mitsgs den 22. October wederom van daar vertrokken is, hebben d'overheeden van dien Bodem nopens die voijagie en het geene hun daar inne is ontmoet, pro„ visioneel gegeeven het volgend mondeling berigt: dat door een swaren vat aan belopen geworden zijnde welken bodem insgelijx 108. dat na hun vertrek van Punco Gale den 25 maart daar aan op de gegiste Z: C:t van 22 gr: en 22 min: en lengte 84 gr: 48=m door een vliegende Storm en Eevig ordaan was overvallen geworden met een verschrikkelijke hoge zee, waar door het schip Zwaar werkte en veel water had over„ gekreegen: §109. dat den storm en orcaan zig op een allerverschrikke„ lijksten wijze, al meer en meer verhefsende, en de lugt en zee zig als in een vermengd vertonende, met uitschietingen van vrees„ „lijke „lijke bliksemstralen en donder, „slagen en een menigte Eleitricke vuuren, die als rondsom het „schip sworven, het welk een akelig gezigt veroorzaakt had, de zeijlen, dewelke egter bij het eerst opkomen van den storm bereijds onder de Rhaas zeer wel vast gemaakt waren, eens„ „klaps door de wind wierden weg„ „gerukt, even of dezelve van de Rhaas waren afgesneden gewor„ „den; en dewijl het schip door de verschrikkelijke nog aanneemende winden gedurig met het leijboord te water bleef leggen, men als toen toen 't besluijt had moeten neemen 9. stukken Canon met al het scher dat bij het zelve aan die zijde lag, over boord te werpen, terwijl een p: Canon te loefwaard, door het sterk slingeren van het sch was weggeslagen: § 110: dat het weer zig nog gestade meer en meer verheffende, in deesen allerverwoedenste orcaan, en de winden van het L:d en Z. Z W=t lopende, met verschrikkelijke donder en Blixem verseld, heb schip eindelijk met het lijboord en halfdek tot aan 't groote lui onder water was gewaaijd, en onder onder de vreeslijke zeen scheen te zullen blijven smooren, zodanig dat het voorschip al bereids onder lag, zonder dat hetzelve weder „konde rijsen, en waar door Consi„ „derabel veel water overkreegen. — §111. dat als toen in dezen aller„ uittersten nood, tot behoud van schip en Zielen het besluit hadd moeten werden genomen, om de grote mast te kappen, ingevolge van hetwelke dan met veel moeijte twee hoofd touwen te loefwaard en te lijwaard het grote wand ge„ „kapt geworden zijnde, daar op subiet alle drie de masten met al 1 al hun tuig waren overboord ge„ vallen, en het schip van tijd tot tijd, egter met zeer veel moeijte wederom gereesen was: § 112. dat men intusschen alle moeij„ „te aangewend had, om de vleet kwijt te raken, en het water dat drie voeten hoog tusschen deks stond uijt 't schip te krijgen, terwijl alle de pompen door de los gespoelde peeper verstopt geraakt waren, dus men zeer veel moeijte had dezelve telkens te klaaren: Dat ook door een swaare stort zee, die de stuur„ boods gallerije ende agter spid„ gel
English
severely damaged the deadlights and glass windows in the cabin, and likewise the tiller together with the rudder chains, and the rudder coat were smashed to pieces, and three braces torn loose from the rudder, so that the ship aft lay entirely exposed to the sea, rolling continually from side to side under water, so that everything from the poop and the quarterdeck, as well as from the waist, which continually stood full of water, was washed overboard, and one thus feared every moment that because of the vast amount of water the ship would capsize between the high seas rising against each other: §113. That remaining in this most dreadful condition until the 27th of the said month of March, when this raging hurricane began somewhat to subside, every possible effort was then made to keep the pumps working, which continually became fouled, and entirely to clear away the remaining net of mats, and to cut holes in the deck to allow the water to run to the pumps. §114. That the weather having subsided more and more, opportunity was thereby obtained to investigate and to see what damage the ship and cargo, as far as could be determined, had suffered; whereupon it was found that, besides many and considerable damages to the ship itself, the powder magazine and all the powder barrels therein stood under water, and the bulkheads of the lockers in the sail locker were smashed to pieces, the provisions and other goods were completely wet, and also upon inspection in the hold the cargo had settled heavily and shifted to the starboard side, everything that could be seen of it having become wet. Whereupon all the powder, which was soaked through and through and entirely ruined, and therefore served only as an excessively heavy burden to the ship, was thrown overboard. §115. That under those circumstances, the broad ship's council having been convened, it was then resolved to make for the Island of Mauritius, being the nearest harbor, in order to repair the damage suffered there, and a jury rig having been set up and everything provided for as far as was practicable, the prow was turned thither: §116. That in the meantime, on the 31st of March, they had encountered the English ship the Valentine, coming from China and bound for Europe, from which they obtained assistance of a small amount of provisions, as well as a fore-topmast and topsail yard, against the issue of a bill of exchange of 375 Spanish dollars drawn on the Honorable Directors at the Amsterdam Chamber: with which the voyage was continued until the 12th of April, when they safely came to anchor at the said Island. §117. That immediately thereafter, all necessary preparations having been made for the unloading of the cargo (for which a warehouse had been rented) as well as for the repair of the ship, it was found upon inspection of the cargo that all the saltpeter had dissolved, the coffee beans and a large quantity of the pepper were wet and spoiled and rotted by heating in the hold, a parcel of bales of cinnamon, and all the rice for provisions were likewise entirely wet and spoiled: so that all these spoiled goods could not be reloaded, and after an inspection had been made thereof by a commission on behalf of the Royal Court of Justice at Mauritius, were thrown into the sea outside the harbor in the presence and under the supervision of that commission; while the bales of linen found to be wet were washed, bleached, and dried ashore: §118. That since there was no opportunity at that place to obtain the necessary spars, masts, and rigging in order to repair the ship and put it once again in a condition to put to sea, the officers had for that reason been obliged to resolve to purchase a ship from private individuals for a sum of 70,000 French livres, out of which the masts, rigging, and other necessities for the repair and fitting out of the ship de Draak were taken, the hull of that purchased ship being sold again by public auction for the sum of 8,700 livres. §119. That after all this had been carried out with all possible speed to repair the damage suffered to the ship, and to take back in the remaining cargo, as well as to provide themselves with the necessary provisions, the officers finally departed again from the aforesaid Island of Mauritius on the 22nd of October and steered their course hither: §120. The said officers having also stated that their aforesaid vessel de Draak, after the repairs made to it at Mauritius, is presently in such condition that without any further repairs of consequence, it will be able to pursue the voyage to the fatherland with peace of mind: §121. We have nevertheless judged it necessary, in the same manner as was done concerning the aforementioned ship de Paarl, to appoint a commission of seafaring men and shipwrights to inspect the aforementioned vessel de Draak and the cargo still contained within it, as far as can be determined, as well as to examine the logbooks.
Dutch transcription
gel: swaar beschadigde de blinders en glaze raamen in de Cajuit en zo meede roerpen met de Roerkettings, en de broeking wier, „den in stuk en drie haaks van 't Roer losgeslagen, zo dat het schip van agteren voor de Zee ten eenemaal bloot lag slin„ „gerende het zelve Continueel van boord tot boord onder water, zo dat alles van de Compange en 't halfdik, mitsg:s uijt de kuijl, die gedurig volwater stond, over boord spoelde en men dus alle ogenblikken be„ „dugt was, dat door de veelheid van van 't water; het schip tusschen de legen elkanderen aan staande hooge zeën zoude omkenteren: §113. dat men in deezen allerake„ ligsten toestand gebleeven zijnde, tot den 27: der ged=e maand Maart, wanneer dees woedende ordaan eenigsints begon te bedaren, als toen alle mogelijke moeijte was aangewend; om de pompen die telkens onklaar raakten aan de gang te houden, en de nog overge„ bleeven vleet van de matten in 't geheel kwijt te geraken, en gaten tusschen deke te kappen, om alze het water bij de pompen te doen loppen § 114. dat het weer meer en meer be„ „daard zijnde men daar door ge„ „leegendheed had bekomen omme te onderzoeken en te zien welke schade schip en lading zo verre men zulks konde nagaan hadde geleeden, wanneer bevonden was dat behalven veele en Considerable schaden aan 't schip zelve, het kruijtgat en alle de daar in zijnde kruijt vaten onder water stonden, en de schotten der hokken in het zeijl kooij in stuk geslagen de Randsoenen en andere goederen geheel nat, als meede bij visitatie lopen: in 5 schaden meede genood„ „zaakt geweest is 't Eiland Mauritiu te moeten aandoen in 't ruim de Lading veel gesakt, en na stuurboords zijde overge„ schoten was: zijnde al wat men daar van zien konde nat gewor„ „den. waar op men al het kruijt welk door en door nat en geheel bedorven was, en dus maar tot een te swaare Last voor 't schip strekte overboord geworpen had. door de daar in geleeden 115. dat in die omstandigheeden den breeden schieps raad belegd geworden zijnde, men als toen had geresolveerd om 't Eijland Mauritius als de naaste haven zijnde aan te doen om aldaar de geleedene geleedene schade te repareeren, des een wrak tuig opgezet en alles zo veel doenlijk was, voor„ „sien geworden zijnde, den Steeven daar heen was gewend: § 116. dat zijlieden intusschen op den 31. Maart hadden ontmoet het Engelsch schip the Valentine, van China komende en de wil heb„ bende na Europa, van het welke zij adsistentie van eenige wijnige provisien, mitsg:s een voorsteng en marsz: Rhaa, tegens d'afgave eener wisselbrief van 375 spaanse matten op d' Edele Heeren Be„ „windhebberen ter kamer Amsterdam hadden aldaar bij visitatie be„ vonden en hoedanig daar meede gehandeld is hadden bekomen: waar meede de Rheijze was voorgezet tot den 12: April wanneer behouden aan 't ged: Eijland ten anker kwamer in wat toestand de lading 7. dat immediaat daar op alle nodige preparatien tot ontschee ping der Lading /:waar toe een Pakhuis was ingehuurd :/ zo wel als tot reparatie van 't schip gemaakt zijnde, bij de visitatie van de lading bevonden was, al de salpeter gesmolten, de Cossij boonen en een grote quantiteijt der peeper, nat, en door de broeijing in't ruim bedorven en verrot, een parthij baalen Caneel, en al de Rijst voor voor provisie meede ten eenemaalen nat en bedorven: zoo dat al dit bedorvene niet weeder heb, de „bende kunnen werden ingeladen; na dat daar van door een Commis„ „sie van weegens 't koninglijk geregshof te Mauritius inspec„ „tie was genomen, ten overstaan en in presentie van die Commissie buiten de haven in zee was ge„ „worpen geworden; terwijl de nat bevonden lijwaat pakken aan land uitgewassen, gebleekt en gedroogd waren: § 118: dat vermits daar ter plaatse geene geleegendheid was, om de benodigde m ede alle hee een teijt roeijing een hebbende vermits op geen andere wijze de benodigde masten, rond„ „houten etc: tot reparatie van 't schip konde werden schip moeten werden in„ gekogt. - benodigde rondhouten, masten en tuig te kunnen bekomen, ten bekomen, meede een geheel einde 't schip te repareeren, en wederom in staat te stellen, om zee te bouwen, zij overheeden om die reeden hadden moeten Re„ „solveeren van particuliere Scha „ders een schip te moeten inko¬ „pen voor een somma van 70000 fransse livres, uijt het welk de masten tuijg en andere benodigd¬ „heeden tot reparatie en toetuigen van 't schip de Draak genomen zijnde, het hol van dat ingekogte schip weeder p„r publicque venduta voor de somma van 8700 lw:s ver„ kogt het schip de draak volgens opgave der overheeden door de reparatien te Mauriti„ „us gedaan thans volkomen naar Nederland voort te zetten. „kogt geworden was. - § 119. dat na dit alles met allen mo„ gelijken spoed voortgevaren zijnde met 't herstil der geleedene schade aan 't schip, en om d' overgebleevene lading wederom in te neemen, mitsg=s zig van de benodigde pro„ „visien te voorsien, zij overheeden eindelijk op den 22:e October we„ „derom van 't voorm: Eijland Mau„ „ritius vertrocken, en dit heen „gesteevend waren: § 120. hebbende ged=e overheeden ook nog opgegeeven, dat hunE: voorsz: in staat zijnde om de reijze onderhebbenden bodem de Draak na de reparatie aan deselve te Mauritius ten men ogte duta en is egter een Commissie van Zeelieden gesteld „tatie van 't schip en de lading Mauritius gedaan zig Jegens„ „woordig in zodanige staat bevind dat zonder eenige verdere repa„ „ratie van belang, met gerust, „heid de rheijse naar het vader„ „land zal kunnen vervorderen: 121. wij hebben egter nodig ge„ tot Examinatie en visi„ oordeeld, in selver voegen als om „trens het hier voren gemelde schip de Paarl geschied is, een Commissie van Lee= en scheeps Timmerlieden aan te stellen, om opgem: bodem de Iraak en desselfs nog in„ hebbende Lading, zo veel kan ven werden nagegaan te visiteeren, als meede te Examineeren de Journales „