VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 10685

Cape · 502 pages · 44 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_10685_0475 view scan ↗

English

11 June 1790. At the latitude of 21 degrees 13 minutes and the longitude of 88 degrees 3 minutes At two bells in the morning watch, the Right Honorable Captain P: A: Rugee, who was on deck and had the watch, heard a scream in the master cabin or fore-cabin, not knowing what it meant, while Messrs. W: H: Berendonk, J: Wilting, and R: Weijger were lying asleep in their berths. The Captain, as the crew on watch testified, went below upon that scream to investigate for certain what was going on. Having gone down a few steps, this gentleman was mortally wounded; immediately returning upstairs and saying to the crew, "All hands on deck, for we have amok on our ship," and he spun around a few times, whereupon the crew grabbed him and brought him to the quarterdeck. He began to sink down and very quickly succumbed to eternal sleep. All hands having been called, the crew defended themselves with handspikes down through the hood of the master cabin, encouraged by the Boatswain Albert Schut, to counter those amok-runners or rather murderers, but in vain, because they kept themselves hidden in corners of the master cabin. Whenever the Boatswain wanted to go below with the crew, they attacked them from the corners with drawn blades, so as likewise to take their lives, and the Boatswain also did not yet know how many of them there were running amok in the master cabin. The three aforementioned gentlemen, who were lying asleep in their berths, were surprised in their sleep by these. Mr. Berendonk, who was certainly the first and was surprised in his sleep, must certainly also have been the source of the screaming that they had heard above, as he certainly must have received several wounds while still lying in his bunk, since his curtains and clothes were slashed with several cuts, and much blood was later found in his bedding. The Doctor, who was also attacked by a slave and received several blows with a sidearm, woke up, jumped up, grabbed the weapon, bent it, and threw the slave back, and pulled the door of the bunk shut, and was thus far still spared with his life. He then heard that Mr. Berendonk jumped out of his bunk and cried, "Doctor, Doctor, help me," but I could bring no help to that gentleman since I was not provided with any weapon and stood as a prey to death myself, and that gentleman then fell down before the entrance of his bunk and was horribly murdered there. Mr. Wilting, also waking up and not knowing what was going on, but perceiving the commotion, pulled his cabin shut. But one of those murderers, noticing this, then attacked him and stabbed with a weapon through the crack of the hinges at the door, catching him just under the left eye, whereupon he shrank back and kept quiet. The murderer also ceased to harm him, but attacked the dying body of Mr. Berendonk again and murdered him horribly. The Boatswain and the crew defending themselves bravely, but being unable to overpower them, the dying Captain still called out to them, "Boatswain, do your duty, for it is done with me." The Boatswain and the crew, taking more courage and not wishing to spare their lives, but very willingly sacrificing them for their officers, took the decision to chop open the arms chest, which stood between decks, and then fire into it with live ammunition. To that end, he stationed some of the crew before the companionway so that those who were below would not come up and overpower them, and went below with the other crew. Going down the stairs, a young ordinary seaman, Jacob Schievelkamp, met him; he was one of the sick, who said to the Boatswain, "I have caught it too," and had received a wound in the lower abdomen. The Boatswain and the crew having come below, they saw another six slave boys, whom he immediately had guarded with some crew, as it seemed to be only two boys who were acting as murderers in the master cabin. These aforementioned slaves testified to knowing nothing of the occurrence, nor having part in it, but the Boatswain nevertheless had them securely guarded. After much effort, they finally got the arms chest open, and immediately took several muskets and pistols and loaded them with live ammunition, and also obtained some cutlasses, whereupon the Boatswain then went aft to the door through which one goes from the master cabin to the tween decks, and where he had also posted two men of our crew. He fired a shot through it, whereupon they heard a scream, and presumed to have wounded one, but it was still too dark

Dutch transcription

Den 11 Junij 1790. Op de Zbijecte van 21 Gr: 13 Min:r en de Lengte van 88 „ 3 „ zijnde Met de 2 Hlazen in de dagwagt, hoorde den Wel Edele Manh: Heer Capitein P: A: Rugee, welk op 't dek was, ende wagt had, een geschreeuw in de Kerk of voor Eajuit niet te weeten, wat zulks beduijde, terwijl de heeren W: H: Berendonk, J: Witting, en R: Weijger in hunne hutten leijden te slapen, den Capitein, zoo als 't wagt hebbende volk getuijgd, op dat geschreeuw naar benee¬ den ging ^ om zeekerlijk te ondersoeken, wat er te doen was, eenige treeden om laag gegaan zijnde, wierd dien Heer doodelijk gewond; zig toen direct weeder na boven begeevende, en teegens 't volk zijde, maakt overal, want wij hebben Amok in ons schip en draaijde een paar slagen in't rond, waar¬ op 't volk hem aangreep, en naar 't halfder bragte, begon hij neer te zeijgen, en ont¬ fing zeer schielijk den slaap der Eeuwigheid, Overal geworden zijnde, verweerde zig 't volk door de aanmoediging van den Boots„ man Albert Schut, met handspaaken door de kap van de kerk beneeden, om die Amok¬ maakers of liever moordenaars teegens te gaan, edog vergeefs want zij zig in hoeken van de kerk verschoolen hielden, en wan¬ neer den Bootsman, met 't volk naar be„ needen wilde gaan, vielen zij uit de hoeken op hen aan, met bloote geweeren, om zoo ook 't Leeven te beneemen, en den Boots¬ man ook nog niet wist, hoe veel zij waren, dien in de kerk 't Amokmaakte. De drie voornoemde Heeren; welke in hunne hunne hutten leijden te slapen, wierden in hunne slaap overvallen door deeze, den Heer Berendonk welke zeekerlijk de eerste is geweest, en in de slaap overvallen was, en ook zeekerlijk 't geschreeuw zall zijn geweest 't welk zij boven gehoord hadden, terwijl hij zee¬ kerlijk al verscheide worden moet bekomen hebben, nog leggende in zijn Kooij terwijl zijn gordijnen en kleederen met verscheide hakke gehouwen waaren, en men naderhand ook veel Bloed in zijn Kooij goed vond. Den Doctor, welk ook door een slaaf over„ vallen wierd, enwelke verscheijden slagen kreeg, met een zijdgeweer, werd wakker, en sprong op greep 't gemeer, kromde het en storte de slaaf te rug, en haalde de deur van de Euk toe, en was tot dus verre nog in 't Leeven ge„ paard, en hoorden toen dat den Heer Beeren„ donk uit zijn Kooij springde, en riep doctor„ Doctor, help mijn, dog ik dien Heer geen hulp konde toebrengen vermits ik niet voorsien was, van eenig geweer, en zelfs ten prooijen des doods sting, en dien Heer toen voorden In„ gang van zijn slut neer viel, en daar af„ schuwelijk vermoord wierd. Den Heer Wilting, ook wakker wordende niet weetende, wat 'er te doen was, dog te Re„ moer verneemende, haalde zijn Hut toe dog een van die moordenaars zulks mer„ kende viel toen op hem aan en stak met een geweer door de schreef van de Aatheen, aan de deur, en haakte hem even onder 't Linke oog, waar op hij te rug week, en zig stil hield, den moorden aan ook afliet om hem te beleedigen, maar viel weeder op 't stervende Lighaam van den Heer Bee¬ rendonk aan en vermoorde hem af¬ schouwelijk. en en Bootsman mett volk zig dap„ per verweerende, dog konde ze niet bemag¬ tigen, wierd nog door stervende Capitein toegeroepen, Bootsman, voldoet u Pligt, want 't is met mijn gedaan; den Bootsman met 't volk, meerder moet grijpende en hun Leeven niet verschoonen willende, maar 't zeer gaarn voor hunne officieren op offerden, naamen 't besluit, om de geween kist, welke tussen deks stond, open te hakken en dan met scherp er op in te schieten, plaatste tendien Einde, eenige van 't gevolk voorde kap, op de zij die beneeden waaren, niet na boo„ ven zoude komen, en hun overweldigen, en „ging met 't ander volk na beneeden, den Trap afgaande ontmoeten hem een jong S mattroos Jacob Schievelkamp, en was een van de zieke, welke teegens de Bootsman zeijde ik heb het ook al weg, en had een wond gekreegen in de onderbuik, den Bootsman met 't volk beneeden zijnde gekomen, zagen „nog zes slaaven Jongens welke hij terstond liet bewaaken, met eenig volk, en 't maar Scheen 2 Jongens te zijn, die als moordenaars in de kerk ageerden, deses voornoemde Claa„ ven, betuijgende van voorvallende niets te wee„ ten, nog deel aan hadden, edog den Boots„ man liet deselve trouwelijk bemaken. Naar veele moeijte kreeg men eijndelijk de geweer kist open, en naamen direct eenige geweeren en pistoolen en laden de„ zelve met scherp, en kreegen ook eenige Houwels, waarop den Bootsman toen naar agter ging na de deur, waarmeede men uijt de kerk tussendeks gaat, en waar hij ook twee man, van ons volk had voorgesteld en deed een schot door denselven, waarop zij een geschreeuw hoorden, en praesumeerden een gekwest te hebben, dogt was nog te don„

NL-HaNA_1.04.02_10685_0478 view scan ↗

English

dark, and one could see nothing in the roundhouse. The boatswain then going above, a lantern light was lowered down to see where they were staying, but they joined together against the lantern so that the light went out, and then hid themselves behind the stairs. The doctor, who continually looked through a small window which is in his cabin, and had just seen the 2 boys, called out to the boatswain that they were sitting under the stairs, whereupon the crew overturned the stairs, but they pulled them back again and held them fast, and then went to change places, and positioned themselves in front of a food cupboard, which is at the foot end of the doctor's cabin. The doctor again called out to the boatswain where he was standing; then the boatswain fired a shot at him, but did not hit him. Yet through the continuous shouting of the doctor, this slave attacked him again, and stabbed several times with the firearm through that small window, yet he could not hit the doctor. The boatswain, hearing with the crew that he was busy at that small window of the doctor's cabin, fired a shot at him, yet did not hit him, which was because it was still dark and one could not see them well. But the dawn was already beginning to break slowly, which promised hope of a speedy conquest over the same. That one went away from the cupboard and positioned himself against the cabin door, which was closed, and in front of the door of the doctor's cabin, and braced himself up against the upper deck, through which he saw a glimmer of daylight. The boatswain just saw his leg, then fired a shot at him, and hit him squarely in his leg, and the bullet had passed through it and even through a door, a shot towards the cabin, whereupon this slave instantly fell down on the ground. The doctor called out to the boatswain that one had fallen to the ground, and that they should rush to assist, but the boatswain called out that one had fallen to the ground, and they should rush to assist, yet the boatswain The boatswain fired another shot at him and hit him again, and then had the slave boys come up from between decks from there, and had them tied fast by the crew, with their arms to the boat. And the boatswain then jumping down into the roundhouse with some crew, found a slave boy lying on the ground, who had already received 2 shots, and then still turned around, and with a broken sidearm still stabbed at the crew; yet they fired another shot at him and struck him dead with the sabres. They discovered the other slave, who was sitting behind the canvas partition of Mr. Berendonck his cabin, whereupon one of the crew stabbed through the canvas with a cutlass, and this slave flew out from behind it, having a sidearm in his hand, and attacked the boatswain with the crew, wounded the boatswain and a sailor, but the boatswain seized that slave by his hair and threw him against the ground, and with the help of the crew, they overcame him and killed him. In the meantime the doctor came out of his cabin and went above, and found the Honorable Valiant Gentleman Captain Jan Andries Rugee lying on the quarterdeck, floating in his blood, and having already exchanged this temporal life for eternal life. The boatswain, having come above with the crew, now called down that if there were still slaves below alive, they had to come above, or else he would shoot them dead, whereupon the slave boys and girls all came above. The doctor immediately went below to see how it was with the Honorable Gentleman W: H: Berendonck, and found that gentleman lying before the entrance of his cabin, and also already having received the cup of death, and he lay floating in his blood. [illegible] In the Name of God the Father, the Son, and the Holy Ghost, Amen, Amen. Verified Let here be an end to this sad day. One could not well keep the dead on board any longer, due to the smallness of the ship, as well as the remaining upcoming voyage, whereby they were subject to rotting and might cause painful diseases. Agrees. Good. Eg Clercq Frouwenselder 6 Duplicate N:o 5. Frouwenje Verified In pursuance of Your Honorable Rigorous Worship's esteemed order of the 5th of this month, whereby we, the undersigned, have been commissioned to investigate, in the presence of the Resident C: Brand and Master of Equipage C: Cornelisz:, what damage the aforementioned vessel has sustained upon stranding, regarding the ship the Zeenimph which stranded on 6 July last in the Simons Bay, and according to those findings to keep an accurate record thereof, as well as if possible to wind the same from the beach, we, the undersigned commissioners, have betaken ourselves on that account to the Simons Bay in order to comply with the esteemed orders of Your Honorable Rigorous Worship; whereupon, on our arrival there, we found that the said bottom had already been wound from the beach that same morning by the Resident, Mr. Brand, and brought to a suitable anchorage in the roadstead in the Simons Bay. Having wished to fulfill the first part of our commission, we betook ourselves today on board the repeatedly mentioned vessel, and properly investigated the damage which the same has sustained, and found it to consist of the following, namely: That the upper sheerstrake on the port side is damaged by the falling of the masts. The rudder and launch, as well as the bowsprit before the knightheads, broken. The sternpost seam sprung, as well as the lower edge of the stern and rudder trunk broken. The main and foremast cut down during the stranding and out of the ship. Could find no other defects in the hold.

Dutch transcription

ker, en men konde niets zien in de Kerk, den Bootsman toenna boven gaande, Liet men een Lantaarn ligt na beneeden, om te zien, waar zij zig op hielden, maar zijffoe„ gen met 't gemeen, teegen de Lanthaarn, dat fligtuitging, en verschoolen zig toen achter de trap. Den Doster, welk geduurig door een glaasje keek, welk in zijn slut is, en had de 2 Jongen even gezien, riep den Bootsman toe, dat zij onder de Trap zaaten, waarop 't volk de trapp over stoote, maar zij haaldenze weederterug, en hieldenze vast, en gingen toen van plaats ver„ anderen, en plaatste zig voor een Eetens„ Kast, en welke aan 't voeten End van den Doctor zijn Hut is, den doctort den Bootsman weeder toeriep, waarhij stond, toen deed den Boots„ man een schot op hem, maar raakte hem niet, dog door 't geduurig roepen van den doc„ ter, viel deese slaaf, weeder op hem aan, en stak verscheijde maal, met 't geweer door dat glaasje, dog hij kon den doeton niet raa¬ ken, den Bootsman hoorden met 't volk, dat hij aan dat glaasje van den Doctor zijn hut beezig was, deed een schot op hem, dog raakte hem niet, en 't welk kwam door dat het nog donker was, en men ze niet wel ^ konde, dog den dageraad begon reeds zagjes door te breeken, en welke hoope beloofde van een spoedig verovering op dezelve, die eene ging voor de kast vandaar en zette zig teegens de Cajuits deur, welke digt wae en voor de deur van den Doster zijn Hul, en klemde zig op teegen het boven de kaan, waardoor een schee„ mering van den dag zag, den Bootsman even zijn Been, deed toen een schot op hem, en trof hem net in zijn been, en de kogel er door heen was gegaan en zelvs door een deur, een Schot toe, en de Ka„ juit, waarop deeze slaaf oogenblikkelijk op de grond neederviel, den Poster den Bootsman toeriep dat er een op de grond leijgevallen, en zij tot hulp zoude toeschieten, dog den Boots„ mar toeriep, dat er een op de Grond leij ge„ vallen, en zij tot hulp zoude toeschieten, dog den Bootsman Bootsman deed nog een schot op hem en trof hem weeder en liet toen de slaave jongens tussen deks van daar boven komen, en door 't volk ze vast laaten binden, met de armen aan de Boot, en de Bootsman toen met eenig volk naar beneeden inde Kerk springende vonden een slaave Jonge op de grond leggen, die 2schooten reeds gekreegen had, en zig toen nog omkeerde, en met een stukkend zijdgeweer, nog naar 't volk stak, dat dog zij deeden nog een schot op hem, en sloegen hem, met de Sa„ bels dood, den andere slaafondekse, dat agter 't zeijldoeksschol van den Heer Beeren¬ doek zijn Aut zat, waarop een van 't volk met een Houjver door 't Zeijldoek stak, en deese slaaf 'er agter van daan vloog, heb„ bende een zijdgeweer in de hand en viel den Bootsman met 't volk aan, queste den Bootsman en een mattroos, dog den Boots„ man greep die Slaaf in zijn Hairen en smeet hem teegens den grond, en met behulp van 't volk, overwonnen zijhem, en doode hem, Indien tussen tijd kwam den doctor zijn Nul uit, en ging na boven, en vond den Wel Edele Manhaften Heer Capitein Jan Andries Rugee op 't halfde k. leggen, in zijn bloed te drijven, en reeds dit tydelijke voor 't Eeuwige Leeven verwisselt te hebben. Den Bootsman met 't volk bovenge„ komen zijnde riep nu beneeden, zo 'er nog slaa„ ver beneeden waaren in 't Leeven, zij dat boven moesten komen, of andere zou hij ze dood schieten, waarop zij slaven jongens en mijden alle boven kwaamen, den doctor met een na beneeden ging, om te zien, hoe of het met den Wel Edele Heer W: H: Beren„ donk gesteld ging, en vond, dien Heer voor deningang van zijn Aut leggen, en ook reeds den Ceijs des doods ontfangen te hebben en lag te drijven in zyn bloed. Den C ƒ fCoe„ al i ie inde Naame God (des Vaders zoons, Nagezien en Heilige Geest, Amen, Amen. Liet hier een Eijnde van deese droevige dag, met konde de dooden niet wel langer scheephouden, door de kleinte van't Schip, als ook de nog voorharde staande reijze, waardoor zij aan verrot„ ting onderleevig waaren, en misschien smertelijke ziektens veroorsaaken zouden Accordeert Goeet Eg Clercq Frouwenselder 6 Duplicaat N:o 5. Frouwenje Naget In opvolging van Uwe WelEd„e Gestr: geEerde ordre van den 5„en deezer waarby wy onderget: zyn gecomms:, ten einde het schip de Zeenimpts die op den 6 July bl: in de Siemonsbaar is ge„ strand ten overstaan van den Resident C: Brand en Equipagiem:r C: Cornelisz: te onder„ zoeken welke schade voorn: kiel by het stranden heeft bekomen en naar dies bevinding daarvan te houden pertinente aanteekening, als meede des mogelyk het zelve van strand te winden, hebben wy onderget: gecomm: ons desweegens na de siemonsbaar begeeren, om„ me aan de geEerde beveelen van uwe WelEd„e Gestr: te voldoen wanneer wy by onze komst aldaar bevonden hebben ged„e beden reeds dienzelfde morgen door de Resi„ dent de Heer Brand van Strand te zyn gewonden, en ter bekwame anker plaatster rheede in de siemonsbaai gebragt, als toe aan het eerste Lid van onze Commissie hebbende willen voldoen, ons op heeden na boord van meergem: bedem vervoegd, en de schade die dezelve heeft be„ komen behoorlyk onderzagt en bevonden in de volgende te bestaan, namentlyk Dat het boord van boven aan Eakboordzyde ontramponeerd door het vallen van de masten. Het roer en Chaloup mitsg:s de boegspriet voor de Judas oore gebrooken. De agtersteevenaad ontzet, mitsg:s de onderrand van 't Hek en kooker van het roers gebroken De grote en fokke mast by het straade gekapt en uit 't schip konde geene andere gebreeken in 't ruim out

NL-HaNA_1.04.02_10685_0484 view scan ↗

English

discovered that a cellar knee is broken, though of little importance, and the leakage around the foremast. Four heavy ropes cut and a heavy anchor broken and found unserviceable. The rigging, by the cutting away of the masts as well as the sails and spars, mostly, indeed almost entirely, knocked away by the sea and lost; the remaining sails, which served for the tent and for the storage of the cargo against rain and wind etc., completely weathered and found partly unserviceable with holes. Wherefore the said keel is not judged capable of undertaking the projected voyage to Europe without first having to be careened in order to carry out the necessary repairs, which will have to be performed here in Simonsbaai between now and mid-September on account of the expected south-east winds. Wherewith, considering to have complied with the highly esteemed order of Your Right Honorable, the undersigned let this serve as a respectful report. below was written: Simonsbaai, the 8th of August 1790. was signed: C: v: veerden, L, Smit, A: F: Steffers lower: In the presence of signed: T: Toussaint in the margin: In the presence of signed: C: Brand, C: Cornelisz: thereunder: assisted signed: M: V: lyk. Agrees. Eg Clercq. Goetz 2: Pauren Duplicate Copy No 6. Checked Today, beginning to caulk the ship outboard on the port side at the wales, it was discovered that the wood around the bolts was so rotted that it had virtually no firmness; though on the starboard side it was somewhat better. Whereupon I questioned the carpenters what they intended to do in this case, who answered me that they did not dare to proceed with the work as is required here, before the Master Carpenter of the Cape of Good Hope came thereto. And the aforesaid carpenters declare that the ship is not in a state to put to sea as such, but that a breach must be made in the wales to examine how the frames and the rest of the wales are conditioned, although they appear undamaged from the outside through the crust of tar. below was written: In the Honorable Company's aforesaid ship, the 11th of August 1790, anchored in Simonsbaai. lower: Your Right Honorable's faithful, obedient servant signed: J: C: Coerse Agrees GCoetz Report of the Honorable Company's ship de Zeenimph Eg Clercq Trouwenselder Duplicate No 6. Copy Copy Report of the Honorable Company's Checked Today, beginning to caulk the ship outboard on the port side at the wales, it was discovered that the wood around the bolts was so rotted that it had virtually no firmness; though on the starboard side it was somewhat better. Whereupon I questioned the carpenters what they intended to do in this case, who answered me that they did not dare to proceed with the work as is required here, before the Master Carpenter of the Cape of Good Hope came thereto. And the aforesaid carpenters declare that the ship is not in a state to put to sea as such, but that a breach must be made in the wales to examine how the frames and the rest of the wales are conditioned, although they appear undamaged from the outside through the crust of tar. below was written: In the Honorable Company's aforesaid ship, the 11th of August 1790, anchored in Simonsbaai. lower: Your Right Honorable's faithful, obedient servant signed: J: C: Coerse Agrees GCoetz ship de Zeenimph Eg Clercq Trouwenselder Duplicate No 7: Copy In obedience to Your Right Honorable's highly esteemed order of the 12th of this month, whereby we the undersigned have been newly commissioned to examine with all possible attentiveness, in the presence of the Resident C: Brand and Master of Equipage C: Cornelissen, assisted by the Master of the shipwrights, in the presence of the Captain of that vessel T Toussaint—since the day before yesterday a report was received that at the commenced repair of the ship de Zee-Nimph, which had run aground, the wales on the port side were for the most part rotted, such that almost all the iron bolts therein were loose and the carpenters did not dare to proceed with caulking—these defects which have further revealed themselves during the carpentry work on the aforesaid vessel, or might yet reveal themselves, and whether we, the commissioners, are still of the opinion that the repair of the said vessel can be effected in Simonsbaai without having to send the same for that purpose to Saldanha Bay; so we the undersigned, in order to answer the highly respected orders of Your Right Honorable, betook ourselves today on board the aforesaid vessel de Zee Nimph, in order to examine the above-mentioned reported revealed damages etc., and found that the reported minor damage to the wales will not cause the least hindrance to the careening of that ship, and we therefore, without diminishing from the previous report of the 8th of this month, remain of the opinion that the said vessel must necessarily Duplicate No 7.

Dutch transcription

ontdekken als dat 'er en kelder kine gebrooken zyn dog van weinig be¬ lang en de Lekkagie rond om de fokke mast Vier zware touwen gekapt en een zwaar Ankers gerist en onbekwaam be„ vanden. De Fleet door het kappen van de masten beneffens de zeilen en rondhouten meesten deelen Ja wel geheel door de Zee weg geslaagen en verloo„ ren de overige zets die tot de Tente en tot berging van de lading door reegen en wind &ca te eenemaale verweerd, en met gaten ge„ deeltelyk onbruikbaar zyn bevonden. — Overzulx gede kiel niet in staat word geoordeelt de gepro„ jecteerde Reyze na Europate doen zonder alvorens te moete worden gekield om de nodige reparaties in het werk te stellen het welk alhier in de siemonsbaai om de ver„ wagt wordende R:O: winden tusschen nu en medio sep„ tember zal dienen te worden verrigt. Waarmeede gedenkende aan het hooggeacht bevel van Uwe wel Coll: WelEd„e Gestr: te hebben voldaan laat de onderget: deezen dienen voor eerbiedig rapport. /:onderstond:/ Siemonsbaar den 8„en aug. s 1790. /:was get:/ C: v: veerden, 2, Smit, A: F: Steffers /:lager. / Jnby weezen /:get:/ T: Toussaint /:in margine:/ Ten overstaan /:get:/ C: Brand, C: Cornelisz: /:daaronder :/ geassisteert /:get:/ M: V: lyk. Accordeert. 10S Eg Clercq. Goetz „ e — 2: Pauren Duplicaat pia A No 6. ia Nagezien Heeden 't schip beginnende breeuwende Kerk buiten boord aan Eekbaardzyde in de Bust„ houten, ontdekten, als dat het hout zond om de boute, zo vervuurt was dat ge„ noegsaam geen een vastigheid hadde doo aan stuurboorde zyde was het ee¬ nigsints beeter. Waarop ik de Timmerlieeden, ondervroeg wat opr zijz: te dog stonden in dit geval, die myn antwoord als dat zy niet vermogte voort te varen met 't werk als alhier ver¬ Eischt word, voor dat den Baas Tim„ merman van Cabo de goede hoop daarby kwam. En verklare voorsz: Timmer„ lieden, dat het schip niet in staat om als zodanig na zee te gaan, maar dat er in de berkhouten een inbreuk moet gedaan worden om te onderzaeken koe de inhouts en verder de berkhouten ge¬ steld zyn, schoon men dezelve van buiten door de korst van tees alson„ beschadigt aan ziet. /:onderstond:/ In 's E: Comp.:s schip voorn:t d11 aug. . 1790. geankert in de siemonsbaai. — 2 /:lagers:/ Uw Ed„e Get: dw: dienaar /: get:/ J: C: Coerse Accordeert GCoetz Rapport van 's E: Comp. s schip de Zeenimph Eg Clercq Vbs Trouwenselder Duplicaat No 6. oppia age opia Rapport van 's E: Comp. s Nagezien Heeden 't schip beginnende breeuwende Berk buiten boord aan Eekbaardzyde in de Bunt„ houten, ontdekten, als dat het hout zond om de boute, zo vervuurt was dat ge„ noegsaam geen een vastigheid hadde doe aan stuurboorde zyde was het ee¬ nigsints beeter. Waarop ik de Timmerliedden, ondervroeg wat opr zijz: te dogn stonden in dit geval, die myn antwoord als dat zy niet vermogt voort te varen met 't werk als alhier ver¬ Eischt word, voor dat den Baas Tim„ merman van Cabo de goede hoop daarby kwam. En verklare voorsz: Timmer„ lieden, dat het schip niet in staat om als zodanig na zee te gaan, maar dat er in de berkhouten een inbreuk moet gedaan worden om te onderzaeken noe de inhouts en verder de berkhouten ge„ steld zyn, schoon men dezelve van buiten door de korst van tees alson¬ beschadigt aan ziet. /:onderstond:/ In 't E: Comp. s schip voorn:d d 11 aug. . 1790. geankert in de siemonsbaar. — 2. /:lager:/ UwEd„e Get: d:w: dienaar /:get:/ J: C: Coerse Accordeert GCoetz schip de Zeenimph Eg Clercq VoS Trouwenselder Duplicaat N:o 7: Copia In obidientie van uwe WelEdele Gestr: hoog g'agte be„ vel van den 12 deser waar by wy ondergetekenden op nieuw zyn gecommitteerd omme /: vermits op voor gistere rapport was ingekomen dat by het begon¬ ne reparatie van het op strand geseeten hebben¬ de Schip de Zee-Nimph, aan de Berghouten en aan bakboord zyde voor het meeste gedeelte vervuurd waaren, zodanig dat meest alle de yzere bouten in dezelve loszaten en de timmerlieden met het breuwen niet dorsten voortgaan ten overstaan van den resident C: Brand, en Equipagiemees„ ter C: Cornelissen, g'adsisteerd door den Baasder scheepstimmer lieden, in tegenswoordigheijd van den Capitain van dien Bodem 'T Toussaint, met alle moogelijke oplettendheyd te exami¬ neere deese gebreeken welke by de Vertimme¬ „ring van voorsz. Bodem nader hebben g'open„ „baard, ofte nog wel zoude konnen open baaren, en of wy gecommitteerdens nog van gevoelen zyn, dat de reparatie van ged: kieltje in de Si„ mons Baaij kan worde g'Effectueerd zon„ der dat den zelven ten dien eijnde naar de Saldanha Baay zal behooren te worde verzon¬ den, zo hebben wij onderget: om aan de zeer gerespecteerde beveelen van uwe WelEdele gestr: te beantwoorden, ons op heden aan Boord van evengem kiel de Zee Nimph vervoegd, ten einde de boven gemelde opgegeevene g'open baarde schaden &a, g'Exameneeren en be¬ vonden, Dat de opgegeevene weynige schade aan de Berghouten, geen de minste hin¬ dering aan het kielen van dat Schip zal toebrengen, en ons overzulks onvermin„ dert aan het voorige rappart van Den 8 deser van gevoelen blijven dat ged: Kieltje noodzakelyk Duplicaat N. o 7. op 4

NL-HaNA_1.04.02_10685_0495 view scan ↗

English

Copy In obedience to your Right Honorable highly esteemed order of the 12th of this month, whereby we the undersigned have been commissioned anew, since a report came in the day before yesterday that upon the started repair of the ship de Zee-Nimph, which had run aground on the shore, the wales on the port side were for the most part rotted, such that almost all the iron bolts in the same were loose and the carpenters dared not proceed with the caulking, in the presence of the resident C: Brand and Master of Equipage C: Cornelissen, assisted by the Master of the shipwrights, in the presence of the Captain of that vessel T Toussaint, to examine with all possible attentiveness these defects which have further manifested or might yet manifest during the refitting of the aforesaid vessel, and whether we commissioners are still of the opinion that the repair of the said small vessel can be effected in the Simons Baaij without the same having to be sent for that purpose to the Saldanha Baay, we the undersigned, in order to comply with the highly respected orders of your Right Honorable, proceeded today on board the aforementioned vessel de Zee Nimph, in order to examine the above-mentioned reported revealed damages etc., and found that the reported minor damage to the wales will not cause the slightest hindrance to the careening of that ship, and consequently, without prejudice to the previous report of the 8th of this month, we remain of the opinion that the said small vessel must necessarily be repaired here in the Simons Baaij, since the same cannot be sent from here to the Saldanha Baay without repair and careening; however, with regard to the damage that might yet further manifest on the aforementioned vessel, we are for the present time unable to give your Right Honorable a definitive report in this regard. Wherewith, trusting to have complied with the highly esteemed order of your Right Honorable, we let this serve as our humble report. Underneath stood: Simons Baay the 14th of August 1790 Was signed: C: V: Veerden, A F Steffers, L. Smit. Annexed hereto, in the presence of, signed: T Toussaint. Lower, assisted and signed: M. V. Eyk. In the margin, witnessed and signed: C: Brand; and C. Cornelisz. Agrees. JGoert JOS Eg Clercq: Collated: Duplicate 740 No 8.

Dutch transcription

Copia In obidientie van uwe WelEdele Gestr: hoog g'agte be¬ vel van den 12 deser waar by wy ondergetekenden op nieuw zyn gecommitteerd omme /: vermits op voor gistere rapport was ingekomen dat by het begon¬ ne reparatie van het op strand geseeten hebben„ de Schip de Zee-Nimph, aan de Berghouten en aan bakboord zyde voor het meeste gedeelte vervuurd waaren, zodanig dat meest alle de yzere bouten in dezelve loszaten en de timmerlieden met het breuwen niet dorsten voortgaan ten overstaan van den resident C: Brand, en Equipagiemees„ ter C: Cornelissen, g'adsisteerd door den Baasder scheepstimmer lieden, in tegenswoordigheijd van den Capitain van dien Bodem 'T Toussaint, met alle moogelijke oplettendheyd te exami¬ neere deese gebreeken welke by de Vertimme¬ ring van voorsz. Bodem nader hebben g'open¬ „baard ofte nog wel zoude konnen openbaaren, en of wy gecommitteerdens nog van gevoelen zyn, dat de reparatie van ged: kieltje in de Si„ mons Baaij kan worde g'Effectueerd zon„ der dat den zelven ten dien eijnde naar de Saldanha Baay zal behooren te worde verzon¬ den, zo hebben wij onderget: om aan de zeer gerespecteerde beveelen van uwe WelEdele gestr: te beantwoorden, ons op heden aan Boord van evengem kiel de Zee Nimph vervoegd, ten einde de boven gemelde opgegeevene g'open baarde schaden &a, g'Exameneeren en be¬ vonden, Dat de opgegeevene weynige schade aan de Berghouten, geen de minste hin¬ dering aan het kielen van dat Schip zal toebrengen, en ons overzulks onvermin„ dert aan het voorige rappart van Den 8 deser van gevoelen blijven dat ged: Kieltje noodzakelyk „zaure noodzakelijk alhier in de Simons Baaij moet worde gerepareert, vermits denzelve zonder reparatie en kieling van hier na de salda¬ nhabaaij niet kan versonde worden - dog met betrekking tot de schade dat zig nog nader aan meergem. Boodem zoude moo¬ ge openbaaren, zyn wy voor tegenswoordig onmoogelyk in staat uwe WelEdele gestr: des aangaande eene positive berigt te geeven Waar mede gedenkende aan het hoog g'agt bevel van uwe WelEdele gestr: te heb¬ ben voldaan laaten wij deeze dienen voor nederige rapport /onderstond/ Simons Baay den 14 Augt. 1790 /was geteekend:/ C: V: Veerden A F Steffers L. Smit. (hier annex / in by weesen (geteekt) T Toussaint. /lager / g'adsisteerd en geteekend) M. V. Eyk /in margine/ ten overstaan en geteekend/ C: Brand; en C. Cornelisz ccordeert. JGoert JOS Eg Clercq: Coll: Duplicaat 740 No 8.

← previous