VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 10689

Cape · 302 pages · 35 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_10689_0169 view scan ↗

English

Upon this declaration, however, the undersigned, Secunde, Storekeeper, Cashier, and Dispenser, felt bound to persist in their previous sentiment and to have protests recorded against the intended departure of the undersigned Independent Fiscal, which protests were submitted by each of them separately to our meeting of the 10th of this month. We take the liberty of presenting the same in authentic copy to Your Right Honorable Noble Worships, together with and alongside such written submission as the undersigned Independent Fiscal has presented on this occasion. Concluding herewith, we commend Your Right Honorable Noble Worships' most esteemed person, together with the weighty interests of the Honorable Company, to the safe keeping of God, and we have the honor to call ourselves with due respect, Right Honorable, Stern, Highly Respected, Most Wise, Provident, Very Generous, and High Commanding Lords, Your P: E: Faure In the Castle of Good Hope, the 24th of June 1791. C: J: Vande Graaff Chenius J: N: P: Van Lijnden J: V Le Sueur P D Reede van Oudtshoorn Your Right Honorable Noble Worships' most humble, faithful, and obedient servants. Patria Secret dispatch of our last humble letter of the date mentioned in the margin. To the Right Honorable Noble Lords Directors, commissioned to the Illustrious Assembly of the Seventeen, representing the General Dutch Chartered East India Company at the Presidial Chamber in Amsterdam. Right Honorable, Stern, Highly Respected, Most Wise, Provident, and Very Generous Lords, High Commanding Lords, On the 9th of May last we took the liberty of directing our humble letter to Your Right Honorable Noble Worships, Paragraph 1. Per the Company's packet boat De Meijl. Duplicate. Precautions taken regarding the delivery of that respected dispatch, along with its annexes. which, however, for lack of a shipping opportunity, we were unable to dispatch earlier than the 28th of the past month of June, when the ship Beverwijk set out with it on its voyage to the Netherlands. In order to take all possible precautions regarding the prompt delivery of that respectful dispatch, along with its annexes, we placed the chest and cylinder in which both are enclosed into the hands of Captain Dirk Muller, commanding the said ship Beverwijk, and had him execute three identical receipts in proper form, of which one, The maps to be dispatched by the next opportunity. sealed with the seal of the Honorable Company and addressed to Your Right Honorable Noble Worships, was handed to the aforesaid Captain Muller, while we present the second of those receipts to Your Right Honorable Noble Worships alongside this, with the duplicate of our most respectful letter and all the annexes pertaining thereto, except for the maps, the duplicates of which could not yet be prepared due to the manifold activities of the Land Surveyor, and which will therefore be supplied to Your Right Honorable Noble Worships at a later opportunity. Paragraph 3. Our aforesaid humble letter, for the reasons mentioned in the margin, having had to be arranged in two parts. Our aforesaid humble writing having been solely directed toward supplying to Your Right Honorable Noble Worships such elucidations, information, and opinions as Your Worships thought fit to demand of us by secret dispatch of the 2nd of October of the past year, we found ourselves obliged, on account of the reasons alleged by us, to arrange the same in two parts: in the first place, to render a dutiful account to Your Right Honorable Noble Worships of what had been executed by the Council concerning some of the orders given by Your Right Honorable Noble Worships, and in the second place, our considerations regarding the remaining points which the Lord Governor The Lord Governor van de Graaff has not thought fit until the 10th of June to bring the remaining points into deliberation. van de Graaff had thought fit to leave unresumed until the 9th of May, the date of our aforementioned respectful letter, and thus did not carry into effect. Paragraph 4. The day after the closing of our mentioned letter, and thus on the 10th of May, the Lord Governor van de Graaff finally thought fit to have the Council of Policy convened, and in it, as well as in the subsequent meeting held on the 13th of May, to bring the points of Your Right Honorable Noble Worships' aforesaid dispatch, which until that time had remained unresumed, into deliberation Being restrained by the reasons stated in the margin from fulfilling Your Right Honorable Noble Worships' desire. deliberation of the Council, and to assign most of the reports demanded therein to the respective members of the Council. Paragraph 5. It would therefore be our duty, Right Honorable Noble Lords, in pursuance of our formulated plan, to render an ample and detailed account to the honored desire of Your Right Honorable Noble Worships with all possible speed, so far as was in our power, of the resolutions taken in those two meetings with regard to the execution of the orders which Your Worships were pleased to prescribe to us for the strictest observance, and at the same time to supply such information and elucidations as were demanded of us regarding the remaining points then resumed; yet, since both those resolutions, of which we take the liberty of presenting extracts to Your Right Honorable Noble Worships, for the greatest part contain nothing other than the appointing of committees among the members of the Council, and the demanding of their opinions, considerations, and reports, to serve in answering that portion of Your Right Honorable Noble Worships' venerated letter of the 2nd of October 1790 which hitherto could not have been by us

Dutch transcription

Op deeze declaratie egter hebben de ondergeteekende, secunde kelder, meester, Cassier en Dispencier, bij hun voorig sentiment vermeend te moeten blyven persisteeren, en tee„ „gen het voorgenoomen vertrek van den onderteekende Independent fiscaal protesten te laaten aanteekenen welke protesten, door hen ieder afzonderlijk ter onzer vergadering van den 10 deezer zijn ingeleeverd— Wij neemen de vryheid uwel Edele Hoog Achtb: dezelve in Copia authen„ „ticq aan te bieden, met en beneevens, zodanig schriftuur als den ondergetee„ „kende Independent fiscaal ter dee„ zer 9 op zoe¬ deezer geleegendheid heeft ingediend= Hier meede deeze besluytende beveelen wij uwelEdele Hoog Achtb: zeer aanzienlijke perzoon en benee¬ „vens de gewigtige belangens den E Maatschappij in de veilige hoede Godes en hebben d' Eere ons met ver„ schuldigde respect te noemen. - WelEdele, Erntfeste Hoog Achtb=: Hoog wijze voorzienige zeer Ge„ hereuze en Hoog Gebiedende Heeren Uwer P P: E: Faure In 't Casteel de goede Hoop den 24=en Junij 1791 C: J: Vande Graaifs: #Chenius J: N: P: Van Lijnder J: V Le Sueur h D D eede van Oudtshoom Uwel Edele Hoog Achtbare Zeer oodmoedige getr: en gehoor: dienaren ver v G Coll: de o bez Patria Secreet depeche onser laatst onderdanige letteren op bezijde gem: datum Aan de wel Edele Hoog Achtb: heeren Bewindhebberen, gecommitteerd ter Illustre vergadering van zeeventhienen, repraesenteerende de generale Nederlandsche geoctroijeerde Oostjndische Compagnie ter Precidiale Kamer Tot Amsterdam. - Wel Edele, Erntfeste Hoog Achtb, Hoog Wijze, voorzienige en zeer Genereuse Heeren. Hoog Gebiedende Heeren Op den 9 Maij Iongstleeden hebben wij de vrijheid genoomen onse onderdanige letteren aan uwel Edele Hoog Achtb: te richten, §1. P=r 's Comp:s pacquet boot de Hleijl Duplicaat welke genomene pracautien om. „trend de bezorging dier met g'eerbiedigde missive, zagt dies bijlagen — welke wij echter bij gebrek aan scheeps geleegendheid niet eerder hebben kunnen laaten afgaan als op den 28=e der even afgeweeke maand Iunij, wanneer het schip Beverwijk daar meede de reize heeft aanvaard naar Neederland. omme omtrend de prompte bezorging dier eerbiedige Missive, beneevens dersel„ „ver bijlagen alle mogelijke procautiën te neemen, hebben wij het kassje en kooke„ waar in het een en ander in is geslooten, gesteld in handen van den Capitijn Dirk Muller, gemeld schip Beverwijk Commandeerende, en hem daar van laaten passeeren Drie eensluijdende recipissen in behoorlijke forma, waar van de eene 8 2 met volgende geleegentheid woor„ „den geseeppediteerd. met het bachet der E Comp:e verzeguld, en aan Uwel Edele Hoog Achtb: geaddres= „seerd, is ter hand gesteld aan voorsch: Capitijn Muller, terwijl wij de tweede dier recipissen UwelEdele Hoog Achtb=r neevens deese aanbieden, met het duplicaat onzer Conesi„ te eerbiedige letteren, en alle de daar toe specteerende bijlagen, uitgezondert de kaarten, waar van de dubbelde door zullende de Caarten bij de meenigvuldige beezigheeden van den Landmeeter nog niet hebben kunnen worden vervaardigt, en dus bij eene nadere geleegendheid aan Uwel Edele Hoog Achtb: zullen worden gesuppedi„ „teerd 3 Ons voormeld needrig schrijvens eenlijk geregt, en ng gen ko„ en„ 3 ons voormeld nedrig schrijvens om de bezijden gemelde reedenen twee lee- „dig hebbende moeten worden ingerigt. gerigt geweest zijnde omme aan Uwel Edele Hoog Achtb:r te suppediteeren zoda„ „nige elucidatien, informatien en advijsen, als Hoogst dezelve hebben goed gevonden bij secreete Missive van den 2de October des voorleeden Jaars, van ons te vorderen, hebben wij ons, uit hoofde van de door ons geallegueerde reedenen genoodzaakt gezien, hetzelve tweeleedig in te richten, om aan Uwel Edele Hoog Achtb:s in de eerste plaats pligtschuldig verslag te doen, wat omtrend eenige der door Uwel Edele Hoog Achtb: gegeevene beveelen door den raad was gericht, en in de tweede plaats onze Consideratien om„ „trend de overige pointen die den Heere Gouverneur heeft den Heere Gouver. „neur van de Graaff neet eer dan op den 10 Junij kunnen goedvinden, de overige poincten ter deliberatie te brengen Gouverneur van de Graaff heeft kunnen goedvinden tot op den 9 Mei, datum onser meerm:e eerbiedige letteren, onge„ resumeerd te laaten, en dus geen effect doen sorteeren. — § 4 daags naa het sluijten onser gementioneerde Letteren en dus op den 10 Mei heeft den Heere Gouverneur van de Graaff eindelijk kunnen goed „vinden, de vergadering van Politie te laaten Convoreeren, en in dezelve beneevens in de volgende vergadering, op den 13 Maij gehouden, de poincten. uwer wel Edele Hoog Achtb: voorsz: Missive, welke tot dien tijd toe onge „resumeerd waaren gebleeven ter deli„ beratie „ door de bezijde aangevoerde reedenen weerhouden zijnde aan Uwel Edele Hoog Achtb:re begeerte te voldoen „beratie van den raad te brengen, en de daar bij gevorderde berigten meest al opte draagen aan de respective leeden des raads. § 5 Het zoude dus onse plicht zijn, welEdele Hoog Achtb: Heeren:! in opvolging van ons gemaakt plan, om„ „me met alle mogelijke spoet, voor zoo veele in ons was, aan de geEerde begeerte van Uwel Edele Hoog Achtber een ampel en gedetailleerd verslag te doen, van de resolutien in die beide vergaderingen genoomen, met opzigt tot de executie der beveelen, die hoogst dezelve ons ter stipste observance hebben gelieven voor te te schrijven, en teffens te suppediteeren zodanige informatien en elucidatien, als bij de overige poincten, als toen geresumeerd, van ons zijn gevordert- dan, dewijl die beijde resolutien, waar van wij de vrijheid neemen Uwel Edele Hoog Achtb: extracten aan te „bieden, ten grootste deele niets anders behelzen als het decerneeren van Com. „missien op de leeden des raads, en het vorderen van hunne advijsen conside. „ratien en berichten, omme te dienen ter beantwoording van dat gedeelte Uwer wel Edele Hoog Achtb„s gevene: „reerde Letteren van den 2 october 1790 't welk tot nog toe door ons niet heeft kunnen zijn zijn, 1 6

NL-HaNA_1.04.02_10689_0182 view scan ↗

English

The answering of the remaining points will, under Your Noble and Right Honorable Worships' most favorable interpretation, remain deferred until both have been executed, and the undersigned, by reason of the manifold occupations which they have continuously had from those meetings until now, have been utterly unable to serve the Council with the outcome of their Commissions and to submit their considerations, opinions, and reports to the same. Thus we have presumed that it will not be taken amiss by Your Noble and Right Honorable Worships that we defer answering those points until all the documents that must serve thereto are properly brought to the table of the Council and the orders which we are able to execute shall have been duly put into execution. Section 7. We hope all the more that Your Noble and Right Honorable Worships will most graciously be pleased to accept this, because we can assure Your Noble and Right Honorable Worships that some of those documents have already served at the meeting and the rest are in readiness to serve at the first meeting, and thus the aforementioned respectful response will dutifully follow by the very first shipping opportunity. 8. In the meantime, we shall respectfully allow this to serve to give to Your Noble and Right Honorable Worships a true account of the conduct displayed both by the Governor, Cornelis Jacob van de Graaff, and by the Independent Fiscal, Johan Nicolaas Steeven van Lijnden, in this Government since the date of our latest humble letters, this serving as a true report of the conduct held both by the Governor and by Fiscal van Lijnden since the day of our last dispatch, the undersigned Cellar Master having been accused by the said Fiscal of having committed malversation in his office. To arrive at that account in an orderly manner, we find ourselves obliged to bring to the notice of Your Noble and Right Honorable Worships that the Independent Fiscal van Lijnden, unexpectedly, shortly after the receipt of Your Noble and Right Honorable Worships' revered letters of 2 October last, has caused the undersigned Cellar Master to be summoned before the Council of Justice of this Government, in case of malversations committed in his office; that the undersigned Cellar Master, having appeared before the Council of Justice, requested and obtained from the same an extension of time, in order to properly provide an answer to the claim made by the Fiscal, the undersigned Cellar Master having, for the reasons mentioned alongside, requested an extension of time in order to be able to properly clear himself. Section 10. That this request owed its origin solely to the sincere desire with which he was inspired to help execute, so far as was in his power, within the time determined by Your Noble and Right Honorable Worships, the orders contained in the just-mentioned honored letters, and afterward to be able to apply himself to answering a claim that appears to have been made by the Independent Fiscal solely to mortify the undersigned Cellar Master and, if it were possible, to injure the good reputation which he has managed to gain through his faithfulness and zeal in the service, and in helping to govern this Government, both with Your Noble and Right Honorable Worships and with the entire public, the outcome of which will be dutifully brought before the eyes of Your Noble and Right Honorable Worships. Section 11. Conscious that malice can never triumph so far as to crush innocence and dishonor families in a land where there are laws and judges, the undersigned Cellar Master, although sensibly afflicted by that action, has therefore also calmly relied upon his judges, whose decision in this matter he will not fail to bring before the eyes of Your Noble and Right Honorable Worships, when he ventures to flatter himself that Your Noble and Right Honorable Worships will be pleased to agree with him that malice was the sole motive that spurred the Fiscal to this step. Section 12. Sensibly afflicted by this manner of proceeding, both as a Regent of the land in which this occurred and as a father of a large family, he presumed that he had nothing more to fear from the side of the Governor or of the Independent Fiscal, and that he could give himself over without fear to the discharge of the duties attached to the offices which he has the honor to hold. Yet he was soon to experience that the action brought against him had principally as its aim to prevent him from the exercise of his precious duties and to prevent him from attending a meeting in which he has had the honor to assist for more than 21 years, and, as he trusts, to the satisfaction of Your Noble and Right Honorable Worships and the previous Governors of this Colony. The

Dutch transcription

zal, onder Hoogst derselver welduijding, de beantwoording der overige poincten uitgesteld blijven. tot dat het een en ander ter execu„ „tie zal weesen gelegt kunnen worden beantwoord, en dat. de ondergeteekendens uit hoofde van de meenigvuldige beezigheeden, die zij zeedert die vergaderingen tot nu toe onafgebrooken hebben gehad, on= „mogelijk in staat zijn geweest, den raade te dienen van den uitslag hunner Commissiën en hunne Consideratien ad= „vijsen en berigten aan denzelve over te leggen, zoo hebben wij vermeend, dat het door Uwel Edele Hoog Achtb= niet kwalijk zal worden geduid, dat wij de beantwoording dier Poincten uitstellen tot dat alle de stukken, die daar toe moeten dienen, behoor: „lijk ter tafel van den raad zijn gebragt ken reeds in gereedheid zijn gebragt. zijn gebragt en de beveelen, welke wij kunnen uitvoeren, pligtschuldig ter executie zullen zijn gelegt. § 7. Wij verhoopen te meer, dat UwelEd. e waar van de voornaamste stuk Hoog Achtb:s zig zulx hooggienstig zullen laaten welgevallen, om dat wij Uwel Edele Hoog Achtb:e kunnen ver= „zeekeren, dat eenige dier stukken reeds ter vergadering hebben gediend en de overige in gereedheid zijn, om ter eerste vergadering te dienen, en dus de voorsz: eerbiedige beantwoording bij de aller. eerste scheeps geleegendheid pligtschuldig zal volgen.- 8 Intusschen zullen wij deese eerbiedig laaten dienen, om aan uwel Edele Hoog Achtb=r raade ad ten gt 8 dienende deese tot een waarag. „tig verslag van het gehouden ge= „drag, zo des Heeren Gouverneurs als Fiscaal van Lijnden, zedert den dag onzer laatste Missive. de ondergeteekende keldermees= „ter door gen: fiscaal g'accuseert zijnde van malversatie in zijn ampt te hebben gepleegd. Achtb:s een waarachtig verslag te doen van het gedrag, zoo: door den Heere Gouverneur Cornelis Jacob van de Graa als door den Independent Fiscaal Io= „han Nicolaas Steeven van Lijnden, zee„ „dert de dag teekening onzer Jongste onderdanige Letteren in dit Gouverne= =ment gehouden. om tot dat verslag met ordre te kunnen komen, vinden wij ons verpligt ter kennisse van uwel Edele hoog Achtb„ te brengen, dat den Independent fis„ „caal van Lijnden, op het onverwagts, kort naa den ontfangst van uwerwel Edele Hoog Achtb=:e gevenereerde letteren van den 2 october Jongstleeden, den ondergetekende 8 9 :heeft den onderteekende keldermeester om de bezijden gem: motiven verzogt attermi= „minatie van termijn, om zig behoorlijk te kunnen purgeren. ondergeteekende keldermeester heeft doen dagvaarden voor den Raade van Justitie deezes Gouvernements, in Cas van malver „satien in zijn ampt gepleegd; dat den ondergeteekende keldermeester verscheenen zijnde voor den raad van Justitie, van dezelve heeft verzogt en geobtineert ater„ „minatie van termijn, om op de eisch door den Fiscaal gedaan, behoorlijk te §. 10 dienen van antwoord; Dat dit verzoek zijn oorsprong alleen verschuldigd is geweest, aan de oprechte begeerte waar meede hij is bezield geweest, om zo veel in zijn vermogen was de ordres bij even. „gem: e geëerde Letteren vervat in den door Uwel Edele Hoog Achtb=s bepaalde tijd 2 doen Graaf 1 gt Achtbe Fis. , teren e la waar van den uitslag pligtschul„ „dig onder het oog van uwel Edele Hoog Achtb„ zal worden gebracht. — tijd te helpen executeeren, en naderhand zig te kunnen verleedigen tot het be- „antwoorden van een eisch, die eenlijk door den Independent fiscaal Schijnt gemaakt te weesen, om den onderge= „teekende keldermeester te mortificee „ren, en zo het mogelijk waare, de goede reputatie te krenken, die hij zich door zijne trouwe en ijver in den dienst, en in 't helpen bestieren van dit Gouvernement, zo bij Uwel Edele Hoog Achtb=e, als bij het geheel publicq heeft weeten te verwerven — § 11 - Bewust dat kwaadaartigheid nimmer zo verre kan zegepraalen, om in een land waar wetten en regters zijn d' onderget: keldermeester, hoewel over die actie ge„ „voelig getroffen zijn, de onsschuld te verpletteren, en familles te onteeren, heeft hij zich dan ook gerust op zijne regters verlaaten, welkers decisie in deese hij ook niet zal nalaten onder het oog van uwel Edele Hoog Achtb:r te brengen, wanneer hij zig durvt vleien, dat uwel Edele Hoog Achtb= met hem zullen gelieven te advoueeren, dat kwaadaardigheid de eenigste drijf= „veer is geweest, die den fiscaal tot deesen stap heeft aangezet-- § 12 Over deeze handelwijze, zo wel als Regent van 't Land waar in heen die gebeurde, dan wel als vader van een talrijk Huisgezin, gevoelig getroffen, vermeende hij niets meerder van de kant van and van blicq en, eg 4a n vermeende zig echter onge= vreest aan de uitoeffening van zijn ampt te moeten overgee„ „ven hebbende men hem evenwel tragten te verhinderen de vergadering bij te woonen- van den Heere Gouverneur, noch van den Independent Fiscaal, te vreesen te hebben, en zich te kunnen overgeven aan de verrigtingen, verknogt aan de ampten, die hij de Eer beeeft te beklee„ den; dan wel haast moest hij onder „vinden, dat de actie hem aangedaan, voornamentlijk tot but hadt, om hem de uitoeffeningen zijner dierbre plichten te beletten en te verhinderen eene ver= „gadering bij te woonen, waar in hij de Eer heeft gehad ruim 21. Jaaren te adsisteeren, en zo hij vertrouwd tot genoegen van Uwel Edele Hoog Achtb:r en de voorige Gouverneurs deeser Colo= =nie Het

NL-HaNA_1.04.02_10689_0189 view scan ↗

English

Because on May 9 the alongside-mentioned message was received from the Governor. Paragraph 14. Paragraph 13. It was thus on May 9, at the very time when the Messenger went to announce the meeting to the respective members of the Council for the following morning in the name of the Governor, that the undersigned cellar-master saw coming to his house the Assistant Secretary of Policy, Carel Mappa, who came to notify him in the name of the Governor: that the Governor would not have him, the cellar-master, summoned to the ordinary meeting of the Council of Policy which was to be held the following day, on account of the circumstances in which he, the cellar-master, then found himself personally; but that the Governor would make a proposition concerning this in the aforesaid Council, in order to take the opinions of the respective members thereon. Which having been brought by him to the knowledge of the other members of the Council. Paragraph 15. After receiving this message, as singular as it was improper, the undersigned cellar-master deemed it his duty to inform both the undersigned secunde and the other members of the Council thereof, to admonish them not to enter into any consultations whatsoever with the Governor, since his arbitrary exclusion from the meeting rendered it unconstitutional; and if they should unexpectedly have proceeded to do so, to protest against it in the most solemn manner. With delivery of a writing to the undersigned secunde. Paragraph 16. This, Right Honorable and Highly Esteemed Sirs, the aforementioned undersigned performed that very same day by means of a writing, of which we respectfully enclose the authentic copy, which was sent by him to the undersigned secunde, who sent the same for perusal to the undersigned cashier and dispenser; and the following day, May 10, took it with him to the meeting. Which writing, having been brought by him into the meeting the following day and submitted for reading, the Governor, for reasons mentioned alongside, refused to have read. Paragraph 17. Having appeared at the meeting, the aforesaid writing of the undersigned cellar-master was presented to the Governor by the undersigned secunde, with the urgent request that it might be read out; but although the undersigned cashier and dispenser joined their requests to those of the secunde, this was nevertheless refused by the Governor, as wishing, prior to the reading of the prayer, to make known the motives that had moved His Honor not to have the cellar-master summoned to the meeting, and when the prayer should have been read, and thus the meeting legally opened, to submit to the deliberation of the Council whether, in consideration of those reasons, the cellar-master should continue to be admitted to the meeting as before, or not. Whereupon, several debates having occurred, the reasons were revealed by the Governor which had moved him to that step. Paragraph 18. Whereupon the undersigned secunde, cashier, and dispenser deemed that if this matter were made a point of deliberation only after the reading of the prayer, an act of exclusion would already have been committed, and that the Governor (who maintained with the Independent Fiscal that no point of deliberation could be legal before the meeting had been opened in due order) could very well make this notification before the reading of the prayer, as it could be considered equally legal in order to determine whether, notwithstanding this exclusion or prevention, the meeting could be opened, since they further deemed that no meeting could be held when a lawful member thereof was excluded, and that arbitrarily. Paragraph 19. The Governor, seeing that, besides the Independent Fiscal, the other members of the Council were of the opinion that revealing the reasons for not summoning the cellar-master to the meeting could be considered legal even though the prayer had not been read, then communicated having given the aforesaid message to the Secretary, and that the following reasons had moved him to this step: 1st. Because he, the cellar-master, lay under accusation by the Independent Fiscal van Lijnden for malversations committed in his service. 2nd. Because he had taken for himself moneys that had been assigned by Your Right Honorable Esteemed Sirs to the Governor and Secunde of this Government; and furthermore, 3rd. Had also appropriated certain recognition moneys belonging to the Honorable Company. Paragraph 20. To which reasons the Governor added that he, the cellar-master, had been summoned for this by the Independent Fiscal before the Council of Justice of this Government, in order to hear demanded double compensation, dismissal, and declaration of incapacity ever to serve Your Right Honorable Esteemed Sirs in any capacity, but that thereupon, to his great surprise, he, the cellar-master, instead of

Dutch transcription

door dien op den 9 Mei van den heer Gouverneur de bezijden gem: boodschap ont„ fangen 8. 14 § 13 Het was dus op den 9:e maij terzelver tijde toen de Boode de vergaadering bij de respective leeden des raads teegens des anderdaags's morgens ging aandienen uit naam van den Heer Gouverneur, dat den onderteekende keldermeester ten zijnen huize heeft zien koomen, den Adjunct secretaris van Politie Carel Mappa, dewelke hem uit naam van den Heere Gouverneur is koomen aanzeggen. „ dat den Gouverneur hem „keldermeester tot de ordinaire verga dering van Politie welke des ande= „rendaags stond te worden gehouden, niet zoude doen convoceeren, uit „ hoofde der omstandigheeden waar in hij van ven hem en de te 16e Colo= et „ . het welk door hem aan de overige leeden des laads ter kennisse gebragt zijnde hij keldermeester zich als toen per. soneel bevond; dan dat den gou= verneur hier over in voorn:e Raade een propositie zoude doen, ten einde de advijsen der respective Leeden „ daar op in te neemen- §. 15 Na ontfangst van deese zo singulier als onbetamelike boodschap, heeft den onderteekende keldermeester vermeend, daar van kennisse te moeten doen dra. gen, zo aan den onderteekende secunde„ als aan de overige leeden des raads, hen te vermaanen zich met den Heere Gouver„ „neur in geene Raadpleegingen hoege. „naamd in te laaten, alzoo de eijgen„ dunkelijke seclusie van hem uit de vergadering „ „ „ met overgaaf van een geschrift dan den onderteek: secunde. vergadering dezelve inconstitutioneel maakte; en zo zij daar toe onverhoopt hadden mogen overgaan, op de plegtigs. „te wijze daar teegen te protesteeren § 16 dit heeft wel Edele Hoog Achtb=re Heeren! de gem:e onderteekende nog dien zelfden dag verricht bij een geschrift, waar van wij het Authenticq Copia deeze eerbiedig laaten vergezellen, het welk door hem is gezonden aan den onderteekende secunde die hetzelve ter lecturere heeft gezonden, aan de ondergeteekende Cassier en Dispencier; en des anderen daags den 10:e maij met zich naar de vergadering genomen §. 17 Ter vergadering verscheenen zijnde, wierd einde n uliers ver. welk geschrift door hem 'sdaags daar aan in vergadering gebracht, en ter Lecture overge: „legd zijnde. heeft den heer Gouverneur om bezijden gem: reedenen gewij= „gerd hetzelve te doen oplezen. wierd door den onderteekende secunde aan den Heere Gouverneur gepraesen„ „teerd het voorsz: geschrift van den onderteekende keldermeester, met instantie dat hetzelve mogt worden: opgeleezen; dan schoon de ondergetee„ „kende Cassier en Dispencier hunne instantien bij die van den secuunde voegden, is zulx egter door den Heere Gouverneur geweigert geworden; als willende voor het Leezen van het ge„ . „bed de motieven kennelijk maaken, die zijn Ed=e hadde gemoveerd de kelder „meester niet tot de vergadering te laaten Convoceeren, en wanneer het gebed geleezen zoude zijn, en dus der waar over verscheijde debatten gevallen zijnde de vergadering legaal begonnen, den Raad in deliberatie geeven, of uit aan„ „merking dier reedenen de keldermees- =ter even alst vooren tot de vergadering zoude blijven geadmitteerd, dan niet. §. 18. waar op de ondergeteekende secun„ de, Cassier, en Dispencier vermeenden, dat wanneer eerst na de lecture van 't Gebed, over deese zaak een poinct van deliberatie wierd gemaakt, ep reeds eene acte van uitsluijting zoude zijn gepleegd geworden, en dat den Heere Gouverneur /: die met den Independent Fiscaal sustineerde dat geen poinct van deliberatie legaal konde zijn, voor de vergadering in ordre was begonnen:/ zeer nde wierd door den Heer gouver„ „neur de reedenen geopenbaard die hem tot die demarche hadden gepermoveerd zeer wel deese kennis geeving voor 't leesen van het gebed konde doen, als kunnende even legaal worden aange„ merkt, om daar uit te weeten, of behoudens deese uitsluijting, of weering„ de vergadering konde worden begonnen, vermits zij al verder vermeenden, dat geene vergadering kon worden gehouden, wanneer een wettig lidt van 't zelve was uitgeslooten, en dat wel willekeurig. § 19 Den Heere Gouverneur ziende, dat buiten den Independent Fiscaal, de overige leeden van den Raad van Senti= „ment waren, dat het openbaaren der der reedenen van het niet convoceeren van van den Keldermeester tot de vergade= „ving als legaal konde werden aange„ „merkt, schoon het gebed niet geleezen was, heeft als toen gecommuniceerd, vor: boodschap aan den secretaris te heb= „ben gegeeven, en dat tot deeze demar„ „che de volgende reedenen hem hadden gepermoveerd. - 1=o Als leggende hij keldermeester onder accusatie door den Independent Fiscaal van Lijnden over malversake„ in zijne dienst gepleegd. 2o Als hebbende na zich genomen, gelden dewelke aan den Gouverneur en Secunde deeses Gouvernements door uwel Edele Hoog Achtb„e zijn 2 als ge„ „ n der zijn toegelegd geworden; en zich. 3e Bovensdien ook noch had toegeëeigend zeekere recognitie penningen, de Ede Compagnie toebehoren. - § 20. Bij welke reedenen den Heere Gou= „verneur voegden dat hij keldermeester daar over door den Independent Fes„ „caal was opgeroepen voor den Raad van Justitie deeses Gouvernements„ ten einde te aanhooren eisschen, dubbelde vergoeding; Deportement en verklaring van inhabiliteit, om Uwel Edele Hoog Achtb=s in eenige qualiteit ooit te kunnen dienen, dan dat daar op, tot zijn groote ver= „wondering, hij keldermeester in plaatse van

NL-HaNA_1.04.02_10689_0197 view scan ↗

English

the alongside mentioned opinions delivered. to justify himself with all possible diligence, instead of which he had requested from the Council of Justice a very extraordinary delay Section 21. These motives having been communicated, about which the council members, the undersigned Secunde was of the opinion that the cellar master could and should be admitted, and that he could find no difficulty in this regard. Section 22. The Independent Fiscal, because he believed he might perhaps be regarded as a party in this matter, and the Cashier on account of his relationship by marriage to the cellar master, having requested to be excused from submitting their Note in this interest; the undersigned Dispencier declared having no legal knowledge of the action instituted by the Independent Fiscal against the cellar master, and that, even if he had legal knowledge thereof, he nevertheless believed that the cellar master could be admitted to the meeting, while this exclusion could be regarded as nothing other than an actual suspension, and no servant of the Honourable Company, much less a Member of the Council, may be suspended as long as he is sub reatu, and the majority having opined for the admission of the undersigned cellar master Section 23. the Governor made the adjoining declaration and that this his sentiment was based on the orders prescribed for observation by Your Right Honourable Worships in the Year 1713, when concerning the skipper de Koning contrary action had been taken in that regard. The majority of the council thus having opined for the admission of the undersigned cellar master, the Governor declared: that although to choose the gentlest path nothing else would remain for him than to manage the meeting himself, instead of taking other paths for which he would consider himself authorized in his capacity, taking other paths, he, on account of the circumstances in which the affairs of the Government found themselves, could not nor was permitted to absent himself from the meeting without making himself responsible for the service of Your Right Honourable Worships, and that this was the only reason that could move him to permit that, according to the sentiment of the majority, the cellar master should remain admitted to the meeting as before, leaving it to the majority of the Council to account for this each individually to Your Right Honourable Worships. after which His Honour, having had the undersigned cellar master summoned into the meeting, the aforementioned was communicated to him Section 24. After this declaration, order having been given by the Governor to summon the undersigned cellar master into the meeting, he then also immediately appeared there, and it was said to him by the Governor that His Honour had communicated to the Council the reasons why he had not had him convoked to the meeting, but that the majority of the Council had nevertheless been of the opinion that he must and might appear there, and that he, the Governor, had declared that he would allow this for said reasons. Section 25. We do in no way doubt, Right Honourable from which conduct of the Governor we trust that to Your Right Honourable Worships will not only have appeared his arbitrary manner of proceeding, but the delay that has again been caused to us in the execution of your highest orders Worshipful Sirs! but that Your Highest Honours will therein again encounter a proof of the extreme arbitrary manner of proceeding of the Governor, of the well-meaning efforts that we have put into effect to resist the same as much as was in our power, of the difficulties that have been caused to us thereby incessantly, and of the obstacles and delay that, by such an arbitrary conduct, had to be caused in the execution of the honoured orders of Your Right Honourable Worships. Section 26. We are not the only ones who the bitter and how far his boundless and unlimited arbitrariness has extended even to the Council of Justice where this aforementioned occurred have had to taste the bitter fruits of the boundless and unlimited arbitrariness of the Governor van de Graaff; no, High Commanding Sirs! the same has even extended to the Council of Justice, from which His Honour thought fit first to request through the secretary both a legal statement or Authentic Copies of the accusations submitted by the Independent Fiscal against the undersigned cellar master on the 17th of March of this Year, as well as an Extract of the Minutes kept on that day, and thus inspection of a trial a trial of which only the premises were as yet at hand. Section 27. But as the majority of the Council of Justice believed that, according to Oath and duty, they could not nor were permitted to deliver this, or rather make it known to His Honour, the same Council notified His Honour thereof by sending an Extract from the Criminal Court Roll held on the 21st of March. Section 28. How much this refusal of the Council of Justice is based on grounds of law, and how well it accords with the regulations established by Your Right Honourable Worships,

Dutch transcription

de bezijden gem: advijzen uitgebragt. van zig met alle mogelijke empres„ „sementen te verantwoorden, in teegen. „deel van den raad van Justitie had verzogt, een zeer buitengewoin delai § 21. Deeze Motiven gecommuniceerd waar over de raadsleeden, zijnde, is den ondergeteekende secunde van opinie geweest, dat den kelder: meester kon, en moest worden gead„ „mitteerd, en hij desweegens geene zwaarigheid kon vinden. §. 22 Den Independent Fiscaal, om dat vermeende, soms als partij in deese zaak te moogen worden beschouwd, en den Cassier uit hoofde van zijne zwaagerschap met den keldermeester, verzogt hebbende, van het uitbrengen e hunner ter t hunner Nota ten dien belange te mogen worden geëxccuseerd; heeft den onderteekende: Dispencier verklaard, geene legaale kennis te hebben van de actie door den Independent fis„ „caal teegen den keldermeester ge„ „institueerd, en dat, schoon hij daar van legaale kennis hadde, nochthande vermeende dat den keldermeester in de vergadering kon worden toe„ „gelaaten, terwijl deese rutsluijting niet anders kon worden beschouwd dan eene reëele suspensie, en geen een dienaar der E Comp=e veel min een Lidt van den Raad, mag worden gesuspendeert, zo lange denselve sub reatu is, en de meerderheid tot de admissie van den ondertee„ kende keldermeester geo= „=pineerd hebbende - - - § 23. heeft den heer Gouver „neur de nevensgevoede declaratie gedaan reatu is en dat dit zijn gevoelen steu= „nende op de ordres door uwel Edele Hoog in 't Jaar 1713 Achtb: ^ Zelis ^ ter observanse voorgeschree= „ven, wanneer omtrend den schipper de Koning, dien aangaande strijdig was gehandeld.— De meerderheid des raads, dus tot de admissie van den ondergeteekende keldermeester geopineerd hebbende heeft den Gouverneur gedeclareerd: „ dat al hoe wel hem om de zagste „ weg te kiezen, niets anders zoude „ overblijven, dan zelve de vergadering te menageeren, in plaats van ande„ „ „re weegen, waar toe hij zich in zijne „ qualiteit bevoegd zoude achten„ in te slaan, „ in te slaan, hij zich uit hoofde van „de omstandigheeden, waar in de „zaaken van 't Gouvernement zich be= „vonden, niet uit de vergadering kon „noch magt absenteeren, zonder zich „ voor den dienst van Uwel Edele Hoog „ Achtb=e verantwoordelijk te stellen, „ en zulks de eenigste reeden was die „ hem permoveeren konde, om aan te „zien dat volgens het gevoelen van „ de meerderheid, den keldermeester als „ vooren en vergadering zou blijven „ geadmitteerd, aan de meerderheid „ des Raads overlatende, om zich daar „ over ieder in 't bijzonder aan uwel „ Edele Hoog Achtb=r te verantwoorden. Not na het welke zijn E den onderteekende keldermeester in de vergadering hebbende doen appoincteeren wierd aan hem het nee„ vens gem:e gecommuniceerd § 24 Na deese declaratie door den Heere Gouverneur ordre gegeeven zijnde, den ondergeteekende keldermeester in de vergadering te appoincteeren, is hij dan ook direct aldaar verscheenen, en door den Heere Gouverneur aan hem gezegd, dat zijn Ed:e den Raad had gecom „municeerd, de reedenen waar om hij hem niet in de vergadering had laaten Convo„ „ceeren, doch dat de meerderheid des Raads echter van begrip was geweest, dat hij aldaar moest, en mogt verschijnen, en dat hij Heere Gouverneur gedeclareerd hadde zulks om reedenen te zullen aanzien. — § 25 Wij twijffelen geenzints welEdele Hoog Achtb van uit welk gedrag van den heer gouverneur wij vertrouwen dat aan uwel Edele Hoog Achtb„ niet alleen zal zijn gebleeken desselfs willekeu= „rige handelwijzen maar de vertraging die ons alweder in d' ritoeffening van hoogst derselver beveelen zijn toegebragt Achtbe Heeren ! of Hoogst dezelve zullen daar in weederom ontmoeten, een blijk van de verregaande wille= keurige handelwijze van den Heere Gouverneur, van de welmeenende poogingen, die wij werkstellig hebben gemaakt, om denzelven voor zo veel in ons was te weeren, van de moei= lijkheeden die ons daar door onophou„ „delijk zijn aangedaan en van de hindernissen en vertraging, die door zulk een willekeurig gedrag in de uitoeffening Uwer wel Edele Hoog Achtb:e geëerde beveelen heeft moeten worden toegebragt. §. 26. wij zijn het niet alleen, die de bittere, en hoe verre zig desselfs paalloose en onbeperkte willekeurigheid heeft uit: „gestrekt zelfs tot de raade van Justitie alwaar dit neevens „gemelde is gebeurd bittere vrugten van de paalloose en en onbeperkte willekeurigheid van den Heere Gouverneur van de Graaff: heb= ben moeten smaaken, neen Hoog Ge= =biedende Heeren ! deselve heeft zig zelvs uitgestrekt tot den Raade van Iustitie, van dewelke zijn Ed=e heeft kunnen goedvinden eerst door den secretaris te laaten afvraagen, zoo wel een legaale opgaave ofte Authen= „ticque Copijen, van de beschuldigingen door den Independent Fiscaal teegens den ondergeteekende keldermeester op den 17 e Maart deeses Jaars ingediend, als een Extract der Notulen ten dien daage gehouden, en dus visie van een proces in proces waar van nog slegts de premi- „ses voorhanden waaren § 27 dan alzoo de meerderheid van den Raad van Justitie vermeende, zulx volgens Eed en plicht, niet te kunnen of te mogen afgeeven, dan wel aan zijn Ed=e kennelijk maaken, zo heeft denselven Raade daar van aan zijn Edele kennis doen draagen, door het toezenden van Extract uit de Crimi neele Rechtsrolle op den 21. e Maart gehouden § 28 Hoe zeer deese weigering van den Raad van Justitie is steunende op gron „den van rechten, en hoewel strookende zij is met de door uwel Edele Hoog Acht gestelde,

NL-HaNA_1.04.02_10689_0205 view scan ↗

English

and of which the proofs are dutifully presented to Your Noble Right Honourables. We believe we cannot pass over in silence the orders that were issued, much less will we delay in reporting to Your Noble Right Honourables how that appropriate refusal of the Council of Justice was received by the Lord Governor, as Your Noble Right Honourables will be fully able to see this from the letter written by His Honour to that Council under date of 8 April, inserted into the minutes kept on the 9th of this month, which we hereby formally present to Your Noble Right Honourables, together with the answer given by the Council of Justice to the Lord Governor, and the extract mentioned therein from the minutes kept on 21 March. The undersigned Secunde, having put it to the Lord Governor, as noted in the margin, regarding the handover of the administration, His Honour declared that he would not hand over the administration before he was about to leave this country. § 29. After this, as it seemed to us, most necessary deviation from the plan proposed to us herein, we shall resume the thread thereof and in all submission bring further to the knowledge of Your Noble Right Honourables: that § 30. The undersigned Cellar Master having been admitted to the meeting in the manner aforesaid, after the reading of the prayer, it was put to the Lord Governor by the undersigned Secunde that since the orders of Your Noble Right Honourables, contained in the venerated letters of the Noble Grand Right Honourable Lords Directors of the Chamber Amsterdam of 14 October last, were so explicit that, after the period of three months mentioned therein had expired, the authority and the administration of the affairs of this Government were to be handed over to the Secunde, His Honour, now that these three months had lapsed, should be pleased to proceed thereto. The Independent Fiscal having joined this opinion, and advised on it as noted in the margin, § 31. Whereupon it was declared by the Lord Governor that from the said respected order he could by no means deduce the explanation that the undersigned Secunde sought to give to it, and that His Honour was by no means of the intention to comply with the proposal of the Secunde before and until His Honour was about to leave this country, and that the justification for His Honour's longer stay here could only be demanded of him, the Lord Governor; and furthermore the opinion was requested in this regard from the Independent Fiscal van Lijnden, who was of the opinion that this proposition of the Secunde could not provide the slightest point of deliberation for our Council, and that he would certainly refrain from pressing a matter that would be entirely irresponsible for him and the other members of this meeting. The undersigned Cellar Master, Cashier, and Dispenser having advanced against this, § 32. Against which the undersigned Cellar Master, Cashier, and Dispenser advanced: that, as the time stipulated by Your Noble Right Honourables for the departure of the Lord Governor to the Netherlands had expired, His Honour therefore had to be considered as already having been obliged to depart; they consequently were of the opinion that the arrangements prescribed pursuant to the same venerated letters ought also to take place as of that time. And the Lord Governor having declared that he would nevertheless persist in his intention, whereupon the undersigned, for the reasons noted in the margin, deemed it proper to have the same protests recorded, § 33. Whereupon the Lord Governor answered that His Honour would adhere strictly to the orders of Your Noble Right Honourables, and would not hand over the authority entrusted to him and placed in his hands by the very same to the Secunde, nor administer to him the ordained oath for that purpose, before he should depart from here, and that he would personally account for this conduct of his to Your Noble Right Honourables. And to conform with the written protest submitted on 5 May by the undersigned Cashier de Wet, § 34. The undersigned Secunde, Cellar Master, Cashier, and Dispenser having become hereby more and more convinced that the Lord Governor was also in this matter not of the intention to follow the explicit order prescribed by his High Rulers, and would have let himself be persuaded neither by entreaties nor by anything that we could have undertaken to silently obey as in duty bound; thus nothing was left to us once again but to have protests recorded against this course of action, and to conform once more with the written protest already made on 5 May by the Cashier de Wet, and which the Lord Governor saw fit to have read upon the adjournment of the meeting, Against which the Lord Governor having made a declaration, His Honour also on his own authority refused the said Cashier de Wet, at his request, a copy thereof. and to make a declaration against it; of which we take the liberty to present an authentic copy to Your Noble Right Honourables. § 35. This declaration of the Lord Governor consisting mainly of an imputation against the Cashier de Wet of possessing scandalous vices of which he ought to be ashamed and of which he has never displayed any evidence, he deemed that he should not fail to request a copy of that declaration in order to be able to defend himself against those accusations, yet this very thing

Dutch transcription

en waar van Hoogst. derselver de bewyzen plicht: „schuldig worden aangeboden. - gestelde ordres, vermeenen wij net stilzwijgen voor bij te kunnen gaan, veel minder nog zullen wij ons op= „houden om aan Uwel Edele Hoog Achtb= te berichten, hoe die gepaste weegering van den raade van Justitie bij den Heere Gouverneur is opgenomen, alzo uwel Edele Hoog Achtb: zulks ten vol= „len zullen kunnen zien, uit de brief door zijn Ed:e aan die Raad sub dato 8=e April geschreeven, gein¬ „sereerd bij de Notulen op den 9=e dee en maand gehouden, van het welk wij Uwel Edele Hoog Achtb: bij deesen orbinig aanbieden, beneevens het antwoord door den Raad van Justitie aan den Heere n de de Acht e, d'ondergeteek: secunde het bezijde gem: aan den heere gouverneur omtrent de over„ „gaaf van 't gouvernement in bedenking gevende Heere Gouverneur gegeeven, en het daar bij vermeld Extract uit de Notulen op den 21. maart gehouden §: 29. na deese, zoo het ons heeft toege= scheenen, allernoodzaaklijks te afwei= „king van het ons bij deesen voorgesteld plan, zullen wij de draad daar van weder opvatten en Uwel Edele Hoog Achtb: in alle onderdanigheid alver„ „der ter Cognitie brengen; dat da §. 30. De ondergeteekende keldermeester invoege voorsz: ter vergadering geadmitteerd geworden zijnde, na lectuure van 't gebed, door den onderteekende secun„ „de, den Heere Gouverneur en beden- „king is gegeeven, dat daar de ordres vant heeft zijn Ed=e gedeclareerd het gouvernement niet te zullen overgeeven voor hij dit Landstond te verlaten — van UwelEdele Hoog Achtb:s vervat bij de gevenereerde Letteren, van de wel Edele Groot Achtb: Heeren Bewindheb. ter kamer Amsterdam van den 14 October Jongstleeden, zo stellig waaren, om, na de daar bij vermelde tijd van drie maanden, zoude zijn geexpireerd, het gezach, en de maneance, der zaaken van dit Gouvernement aan den Secunde overtegeeven, zijn Ed:e over zulx, daar deeze drie maanden vervuild waaren, daar toe niet gelievde over te gaan. - §. 31. Waar op door den Heere Gouverneur is gedeclareerd, uit gem:e geëerde ordre geenzints te kunnen opmaaken, de explicatie die den onderteekende secuinde„ aan voege . bij welk gevoelenden heer independent fiscaal zig gevoegd hebbende aan dezelve zogt te geeven, en dat zijn Ed e geenzints van intentie was, aan het geproponeerde van den secun„ „de te voldoen, voor en aleer zijn Ede dit Land stond te verlaaten, en dat de verantwoording van zijn Ed=e langer vertoef alhier, alleen van hem Heere Gouverneur konde worden ge= „vergd; en voorts daar omtrend het sentiment afgevraagd van den Jnde„ „pendent Fiscaal van Lijnden, welke van gevoelen was, dat deese Proposi„ „tie van den secunde geene het minste poinct van deliberatie voor onsen raade konde opgeeven, en dat hij zich wel zoude wachten van aan te drengen op daar op het bezijden geadvr: „seert op eene zaak, die voor hem en de overige Leeden deeser vergadering ge„ heel onverantwoordelijk zoude zijn — §. 32 Waar en teegen de ondergeteekende hebbende ondergeteekenden Keldermeester, Cassier en Dispencier Kel avanceerde: dat, alzoo de tijd door uwel Edele Hoog Achtb. s tot het vertrek van den Heere Gouverneur naar Neederland bepaald, was koomen te expireeren, zijn Ed:e dus geconside. „reerd moest worden als reeds te hebben moeten vertrekken; zij overzulx van meening waaren, dat de schekkingen, welke ingevolge dezelvde gevenereerde Letteren voorgeschreeven zijn, ook als toen behoorde plaats te hebben. — waar op ger n - en den heere gouverneur ge„ „declareerd hesniettegenstaande bij zijn voorneemen te zullen blijven persisteeren- waar op de onderteek=t om bezijden gem: reedenen heebben vermeent dezelve protesten te laaten aanteekenen §. 33. Waarop den Heere Gouverneur heeft geantwoord, dat zijn Ed:e zich stiptelijk zoude gedragen aan de ordres van uwel Edele Hoog Achtb., en het gezach aan hem, door Hoogstdezelve toe. betrouwd, en in handen gegeeven, niet eerder aan den secunde overgee„ „ven, noch hem daar toe in den g'ir„ „donneerden Eed neemen, voor dat van hier zoude vertrekken, en dat zich over deese zijne handelwijze, zelve aan uwel Edele Hoog Achtb: zoude verand- „woorden. - § 34. de ondergeteekende secunde kelder. =meester, Cassier en Dispencier, hier door al meer en meer overtuigd geworden zijnde het op den 5 Meij door den onder„ „teekende Cassier ingedient protest — zijnde, dat den Heere Gouverneur ook in deese niet van meening was, op te volgen de stellige ordre door zijne Hoog Gebieders voorgeschreeven, en zich nog door persuasiën, noch door alles wat wij zouden hebben kunnen onderneemen, zou hebben laaten over. „haalen, om pligtschuldig, stille te gehoorzamen; zo is ons al weederom niets overgebleeven als teegens deese handelwijze protesten te laaten aan„ „teekenen, en ons nogmaals te Conformee„ en zig te conformeeren met ven wet het schriftelijk protest door den Cassier de wet reeds op den 5 maij gedaan, en het welk den Heere Gouver= „neur goedvond bij het scheiden der verga„ „dering ft ijk c e en van aan d e waarteegen den heere Gou„ „verneur eene declaratie gedaan hebbende. heeft zijn E levens aan gez: Cassier de wet, op zijn verzoek eegener aucthoriteit Copia daar van geweegert. — „dering te laaten leezen, en daar tee„ „gen eene declaratie te doen; waar van wij de vrijheid neemen Uwel Edele Hoog Achtb: Copia authenticq aan te bieden. §. 35. deese declaratie van den Heere Gouverneur, voornamentlijk bestaande in eene imputatie op den Cassier de wet, van te bezitten schandelijke ondeugden, waar over hij zich zou schaamen, en waar van hij nimmer blijken aan den dag heeft gelegd, zo heeft hij vermeend niet af te mogen zijn van die declaratie Copia te verzoeken om zich teegens die beligten„ „gen te kunnen verdedigen, dan dit zelvs 9

NL-HaNA_1.04.02_10689_0213 view scan ↗

English

Concerning protests submitted by the undersigned Council members on May 13th. Section 36. He was even refused by the Lord Governor under the pretext that His Honour had not made this declaration to serve for His Honour's justification, and thus did not deem it necessary to provide a copy thereof, refusing it on his own authority without asking the opinion of the Council on the matter. The protests reserved by the members of the Council, having been prepared by them and introduced at the meeting of May 13th, we take the liberty of offering the same in authentic copy to Your Right Honourables; and we believe we may hope, from the equity so often shown by Your Right Honourables, that when you will be pleased to inspect their contents, you will not only remain convinced that our zeal for the service and our owed obedience prompted us to make those protests, but also declare us completely innocent of the base imputations rubbed upon us more than once without cause by the Lord Governor; above all, this is hoped by the undersigned Cashier, who used the liberty to refute, in his aforementioned protest, the declaration made by the Lord Governor to his charge. Having declared that he would repatriate to the Netherlands with the ship Beverwijk. Section 37. At the meeting of May 24th, it finally happened that we caught a glimmer of hope to see these constant discrepancies end once and for all, as the Lord Governor informed us that His Honour intended to depart for the Netherlands with the ship Beverwijk, but that on that same ship were various passengers who were burdensome to His Honour both regarding the required space and many other points. His Honour requested us that the said passengers might be ordered, by a resolution of the Political Council, to leave the ship Beverwijk and transfer to the ship Sint Laurens to continue their voyage to the Netherlands. It was decided at his request to let the passengers transfer to the ship Sint Laurens. Section 38. The pleasure we felt at hearing that the Lord Governor finally wished to respect the orders of his High Superiors concerning his passage, and the certain conviction that by not assenting to that proposal we would have brought about more harm than good, are the reasons why we readily condescended to transfer the passengers from the ship Beverwijk to the Sint Laurens. Notwithstanding that a petition was presented to us by the Baron van Diemar, which we respectfully accompany herewith. Section 39. Then, as Benedict Hartwich Godlieb Baron van Diemar, former Resident of Boelicomba and Bonthain, was on board the ship Beverwijk as a passenger, placed on it with his family by the High Indian Government, and as he believed he could not be compelled by us to leave the ship Beverwijk, he submitted a petition to our meeting of June 10th, which, pursuant to his request, we take the liberty to present to Your Right Honourables in authentic copy by this first opportunity. We nevertheless persisted in our decision and permitted the aforementioned Diemar to repatriate by the packet De Vlijt. Section 40. Then, taking into consideration the reasons that had moved us to condescend to the request of the Lord Governor in order to cause no delays to His Honour's departure by transferring the passengers of the ship Beverwijk to the ship Sint Laurens, we also deemed it necessary, under the most favorable interpretation of Your Right Honourables, to persist in the decision taken by us in that regard, and had notification thereof given to the aforementioned Baron van Diemar, who requested of us to repatriate with the bearer of this, the packet boat De Vlijt, which we then also granted him. The Lord Governor, having convened the meeting on June 24th, had the Assistant Secretary Mappa assist thereat, who had already been dismissed from his post on the 10th beforehand. Section 41. The ship Beverwijk having been mustered on June 21st, the Lord Governor van de Graaff nevertheless thought fit not to convene the meeting earlier than the 24th of that month, at which the undersigned Cashier and Dispencier could not be present on account of being bedridden, and had the Assistant Secretary Carel Mappa assist thereat, who was already dismissed at the meeting of the 10th of that month, notwithstanding the protests made by the undersigned Second and Cellar Master against a course of action so directly contrary to all good order, and which also had the consequence that the aforementioned Mappa repatriated with the ship Beverwijk without recording the resolution of that meeting, leaving behind only the minutes kept by him therein, from which it appears that the Lord Governor asked the members of the Council for their reports on Your Right Honourables' honoured dispatch of October 2nd last. By whom only the minutes kept thereat were left behind. The Lord Governor having demanded from the undersigned their reports on Your Right Honourables' dispatch of October 2nd, the same was refused by them for the reasons attached. Section 42. Then, as the undersigned Second and Cellar Master, together with and alongside the undersigned Cashier and Dispencier, according to the order

Dutch transcription

overgaande protesten door de onderteekende Raads. „leeden op den 13 Mei en gedeend §. 36. zelvs is hem door den Heere gouver„ „neur geweigerd, onder voorwendzel, dat zijn Ed=e dit declaratoir niet hadde gedaan om te doen dienen tot zijn Ed=e verantwoordinge, en dus niet nodig oordeelde daar van Copia aftegeeven, hetzelve op eigene authoriteit weigerende zonder daar over het gevoelen van den raad af te vraagen de bij de leeden des Raads gere„ „serveerde Protesten, door hen vervaardigt en ter vergadering van den 13. maij ingebragt zijnde, zo neemen wij de vrijheid UwelEdele Hoog Achtb. dezelve in Copia authenticq aantebieden; en wij q: meenen van uwel Edele Hoog Achtb=e zo vaak- tee. nde 70 gen igte „ zo vaak betoonde equiteit te mogen verhopen, dat wanneer hoogst dezelve den inhoud derzelve zullen gelieven intezien, niet alleen zich overtuijgd zullen houden, dat onzen ijver voor den dienst, en verschuldigde gehoor„ zaamheid, ons tot het maaken dier protesten hebben aangezet; maar ons van ook volkomen vrijkennen daor de snoode imputatiën, ons meer dan eens zonder oorzaak door den Heeren Gouverneur aangewreeven; voor al verhoopt zulx den onderteekende Cassier, die de vrijheid heeft gebruikt, de de„ „claratie door den Heere Gouverneur ten zijnen lasten gedaan, bij zijn voorm=d protest „reerd hebbende met het schip Beverwijk naar Neder= „land te zullen repatrieeren protest te refuteeren. 37 Het mogt eindelijk ons ter ver den heer Gouverneur gedeelen „ gadering van den 24=e maij gebeuren, een scheijn van hoop te krijgen, om deese geduurige discrepances eens voor al te zien eindigen, alzoo den Heere Gouver= „neur ons te kennen gaf, dat zijn Ed=e van meening was met het schip Beverwijk naar Neederland te vertrek„ „ken, dog dat op het zelven schip bevon„ „den diverse pasagiers, die zijn Ed:e zo in de benodigde ruijmte, als veele andere poincten, hinderlijk waaren verzocht zijn Ed=e ons, dat gezeijde passagiers, bij eene resolutie van den Politicquen Raad mochten worden gelast, om het schip Beverwijk elve n ier, de: m is op desselfs verzoek besloten de passagiers op 't schip S: Laurens te laaten overgaan — Beverwijk te verlaaten, en overte „gaan op het schip S=t Laurens, om hunne reise naar Neederland te ver= „vorderen § 38. Het genoegen het welk wij gevoelde om te mogen hooren, dat den Heere Gouverneur eindelijk de beveelen zijner Hooge Gebiederen omtrend zijne overkomst wilde respecteeren, en de zeekere overtuijging, dat wij door in dat voorstel niet te bewilligen, meer kwaad dan goed te weege zoude heb= =ben gebragt, zijn de oorzaaken, dat wij gereedelijk hebben gecondescendeert, om de Passagiers van 't schip Bever„ =wijk op 'st Laurens te verplaatsen. — dat den Jan dan niet teegenstaande door den Baron van diemar aan ons een request is gepresenteerd. verzellen § 39 Dan alzoo zich op het schip Bever„ „wijk als Passagier bevond, Benedict Hartwich Godlieb Baron van Diemar gewezene Resident van Boe „licomba en Bonthain, door de Hooge Indiasche Regeering, met zijne Famil. lie daar op geplaatst, en dat deeze ver: „meende door ons niet genoodzaakt te kunnen worden, om het schip Bever= =wijk te verlaten; heeft hij ter onser vergaderinge van den 10e Junij ingediend die mi deesen eerbiedig doen een request, het welk wij, ingevolge zijn verzoek bij deeze eerste geleegentheid de vrijheid neemen aan Uwel Edele Hoog Achtb. in Copia Authenticq aan te bie„ =den— Dan ver¬ de zijne t, „ zijn wij echter bij ons besluijt blijven persisteeren en aan voorm: Diemar geper„ „mitteerd p:r het pacquet de vlijt te repatrieeren § 40. Dan, en aanmerking bij ons genoo„ men zijnde, de reedenen die ons hadden, gemoveerd, om te Condescendeeren in het verzoek van den Heere Gouverneur ten einde geen vertragingen zijn Ed=e vertrek te veroorzaaken, om de pas= „sagiers van het schip. Beverwijk, op het schip S:t Laurens te verplaatsen, hebben wij ook, onder hooggunstige welduijding van Uwel Edele Hoog Achtb vermeend, bij ons dien aangaande genoomen besluijt, te moeten blijven- persisteeren, en daar van aangemelde Baron van Diemar notificatie laa„ „ten doen, die aan ons heeft verzogt. met brenger deezer de Pacquet boot de Vlijt„ „ den heere Gouverneur de vergadering op den 24. Junij hebbende doen beleggen. heeft daar bij laaten adsis„ „teeren den adjinct Secretaris Mappa die reeds op den 10 bevorens van zijn post was ontslagen— de vleijt te repatrieeren, het welk wij hem dan ook hebben toegestaan. § 41 Het schip Beverwijk op den 21e Junij gemonsterd zijnde, heeft echter den Heere Gouverneur van de Graaff kunnen goed= „vinden niet eerder de vergadering te laaten beleggen als op den 24:e dier maand, waar bij de ondergeteekende Cassier en Dispencier uit hoofde dat bedleegerig waaren niet hebben kunnen praesent zijn, en daar bij laaten adsisteeren den reeds ter verga„ =dering van den 10=e dier maand ont„ „slagene adjunct secretaris Carel Mappa„ niet teegenstaande de protestatien door den ondergeteekende secunde en kelder„ „meester do , mede Lijt door wien alleen de Notulen daar bij gehouden zijn agtergelaten— den heere Gouverneur van de onderteekendens Gevordert hebbende derselver berigten op UwelEdele Hoog Achtb:r missive van den 20 ctobr: is zulx door hen om nevens ge„ „voegde reedenen geweijgert „meester gedaan, teegens eene handelwijse zo regtsstreeks strijdende met alle goede ordre, en welke ook ten gevolge heeft gehad, dat voorm:e Mappa met het schip Beverwijk is gerepatrieerd; zonder de Resolutie van die vergade= „ring te coucheeren, alleen nalatende de Notulen door hem daar in gehouden en waar bij blijkt dat den Heere Gou„ „verneur aan de Leeden des Raads heeft aff„ „gevraagd hunne berichten op uwel Edele Hoog Achtb:e geëërde Missive van den 2=e October Jongstleeden §„ 42 Dan dewijl de ondergeteekende secun„ „de en keldermeester met en beneevens en Dispencier de ondergeteekende Casseer na volgens de ordre

NL-HaNA_1.04.02_10689_0221 view scan ↗

English

and also declared their intention to deliver the minutes thereof sealed to the political secretariat, against which the Lord Governor protested. order contained in that same venerated letter, had directly submitted their humble reports dated the 9th of May last to Your Right Honorable and esteemed selves, and considered that they owed no statement or inspection thereof to the Lord Governor; they declared their intention to deliver the minutes of those reports sealed to the Political Secretariat, against which the Lord Governor protested, saying: that this was contrary to orders, since the said reports ought to be handed over to the Governor to be laid by him on the table of the Council, further protesting against the sending of those reports among the ministerial papers. and further desired to know how the along-mentioned papers would subsequently be handled. Paragraph 43. Subsequently, the Lord Governor further desired that when the reports demanded from the members of the Council, to serve as the elucidations required by Your Right Honorable and esteemed selves, should have come in, the same, together with the resolutions subsequently to be taken by this Council, should then be sent either to His Honor or to the advocate of Your Right Honorable and Illustrious Assembly. Although the Lord Independent Fiscal van Eijnden was of the opinion that in this matter one ought to act in accordance with the desire of the Lord Governor, the undersigned secunde and cellar-master were unwilling to proceed thereto, as being in conflict with the orders determined by Your Right Honorable and esteemed selves, whereby it is commanded that all ministerial papers must be addressed directly to Their Most Illustrious Assembly. Paragraph 44. The Lord Governor, appearing to care little about those orders in this matter, held the members of the council who refused to comply with his unlawful desire responsible for the injury thereby caused to His Honor, and for the consequences which might emanate therefrom to the detriment of the Honorable Company, without revealing in what that detriment might consist. upon further proposal by the repeatedly mentioned lord governor Paragraph 45. In the same aforementioned meeting, it was also proposed by the Lord Governor, since the undersigned secunde in His Honor's absence could not preside over the Council of Justice, to appoint the merchant Mr. Jacob Pieter de Neijs as a member in the said Council, and that above the members in the service of the Honorable Company already having a seat therein, both because of the higher status accorded to the said de Neijs by Your Right Honorable and esteemed selves, and on account of his prudence, competence, and intelligence. and Mr. Jacob Pieter de Neijs was appointed as eldest member in the Council of Justice The undersigned secunde, being unable to give advice in this matter on account of his affinity by marriage with the said de Neijs, the Independent Fiscal considered this appointment to be necessary for the public welfare; and as the undersigned cellar-master likewise conformed thereto, the aforementioned Mr. Jacob Pieter de Neijs was appointed as a member in the Council of Justice pursuant to the proposal of the Lord Governor, in which capacity we respectfully request Your Right Honorable and esteemed selves to most graciously confirm him, being jointly able to assure Your Right Honorable and esteemed selves that he fully merits the testimony given of him by the Lord Governor on this occasion. after the Lord Governor at the surrender of the government had handed over the along-mentioned papers to the undersigned Rhenius Paragraph 46. Since the repeatedly mentioned meeting was held primarily for the purpose of the transfer of the government by the Lord Governor van de Graaff to the secunde Rhenius, two memoirs were submitted by the well-mentioned Lord Governor, of which one was addressed to the secunde and the other to the Council, regarding whose remarkable contents we respectfully reserve the liberty to make a dutiful report to Your Right Honorable and esteemed selves in the continuation of these our humble letters. Paragraph 47. Subsequently, the Lord Governor handed over to the undersigned secunde a small box with a cipher for secret letters, and placed upon it the military order book, to be filed at the secretariat. Paragraph 48. After this, the Lord Governor van de Graaff handed over to the secunde Rhenius the inventory of this government, which was signed by His Honor for the transfer, and by the secunde Rhenius for the receipt; and after all this, the drafted oath was read out by His Honor, requesting that the same be performed by the mentioned undersigned Rhenius; but as this was refused for the reasons mentioned beside the Lord Governor read out an oath drafted by His Honor, of which we take the liberty to present an authentic copy to Your Right Honorable and esteemed selves, with the desire that the same should be taken as the oath ordered by Your Right Honorable and esteemed selves, and that the same should be performed by the secunde into the hands of the Governor. Paragraph 49. We do not at all believe, Right Honorable and esteemed Lords, that it could have been the intention of Your Right Honorable and esteemed selves to have the secunde swear allegiance to him, the Lord Governor, and the undersigned secunde has

Dutch transcription

en levens gedeclareerd de minuten daar van gaachet. =teerd ter politicque secretarije te zullen afgeeven— waar leegen den heere Gou„ „verneur heeft geprotesteerd. ordre bij dat zelvde gevenereerde schrijvens vervat, hunne ootmoedige berichten sub dato 9:e mai. Jongstleeden aan Uwel Edele Hoog Achtb: direct had den gesuppediteerd, en vermeende daar van aan den Heere Gouverneur geene opgave of visie verschul- „digt te zijn; zo hebben zij gedeclareerd de minuten dier berichten gecachetteerd te zullen afgeeven ter Politicque secreta„ „rije, waarteegen den Heere Gouverneur heeft geprotesteerd met te zeggen: dat zulx was teegens de ordres, alzo dezelve berichten aan den Gouverneur moesten worden overgegeeven, om door hem ter tafec„ van den Raad te worden overgelegd, pro„ „testeerende verder teegens het verzenden dier del wij lle Secún¬ de de nevens gem: papapieren in 't vervolg zouden worden gehandeld. dier berichten onder de Ministerieele papieren § 43 vervolgens heeft den Heere Gouver= en nader begeert hoedanig met neur alverder begeert, dat wanneer de berichten op de Leeden des Raads gede„ „mandeerd, omme te strekken tot de door uwel Edele Hoog Achtb: gevorderde. elucioatien zouden weesen ingekomen dezelve als dan neevens de Resolutien bij deesen Raade in het vervolg te nee= =men, aan zijn Edele dan wel aan de advocaat van Uwer welEdele Hoog Achtb: Illustre vergadering zouden worden toegezonden, waar toe, Schoon den Heere Independent Fiscaal van Eijnden ver= „meende dat daar in volgens de begeerte van den van den Heere Gouverneur moest worden gehandeld; de ondergeteekende secunde en keldermeester niet hebben willen over „gaan, als strijdende met de ordres door Uwel Edele Hoog Achtb=s bepaald, en waar bij word gelast dat alle ministe„ „nieele papieren direct aan Hoogstdersel„ =ver Illustre vergadering moeten worden geaddresseerd. § 44 Den Heere Gouverneur zich die be„ „veelen in deeze zo het scheen weinig be „kreunende, heeft de leeden des raads die aan zijne onrechtmatige begeerte niet hebben willen voldoen, verantwoordelijk gesteld voor de laese zijn Ed:e daar door aangedaan, en voor de gevolgen die daar uit er ver= 2 een 14 Acht6. 1 Heere erte op verdere propositie van meerm: heer gouverneur uit ten nadeele der E Comp:e zouden kunnen proflueeren, zonder te openbaa „ren, waar in dat nadeel zou kunnen bestaan. § 45 In evengem.:e vergadering is ook door den Heere Gouverneur geproponeerd, omme vermits de ondergeteekende secunde bij zijn Ed=e absentie niet in den raade van Justitie, zoukunnen praesideeren, tot Eid in gemelden Rade aan te stellen den koopman M„r Iacob Pieter de Neijs, en zulks boven de daar in sessie hebbende See „den in dienst der E Comp: e, zo om de hoogere qualiteit die den gem: de Heijs. door UwelEdele Hoog Achtb: is toege kend. en is m:r Jacob Pieter de Neijs aangesteld tot oudste Lidt in den raad van Justitie „kend, als uit hoofde van zijne beradigheid kunde en verstand. To19 „De ondergeteekende secunde uit hoorde van zijne zwaagerschap met gem e de Neijs, hier omtrent niet kun„ „nende adviseeren; heeft den Independent fiscaal vermeend, deese aanstelling om het welzijn van het publicq noodzaak- „lijk te zijn; en alzoo den ondergetee„ „kende keldermeester zich daar meede heeft geconformeerd, is opgem e Mr Iacob Pieter de Neijs, volgens de propo- „sitie van den Heere Gouverneur aange „steld tot Lid in den raade van Justitie, in welke qualiteit wij van Uwel Edele Hoog Achtb: eerbiedig zijn verzoekende Eem baa en door Zee de d og nadat den Heere Gouverneur bij de overgave van het gouver. „nement aan den onderteekende Rhenius de nevens gem. papieren hadde inhandigd §. 46 hem hooggunstig te willen bevestigen, kunnende UwelEdele Hoog Achtb e gezamentlijk verzeekeren dat hij het getuijgenis door den Heere Gouverneur van hem bij deese geleegentheid gegeen ven, volkomen incriteeren — Daar meerm:. vergadering ten princepaale biet hadt, om overgave van het Gouvernement, door den Heer Gouverneur van de Graaff, aan den secunde Rhenius te doen, zijn door welgem=e Heere Gouverneur overgelegt twee Memorien, waar van eene aan den Secunde, en den andere aan den Raad geregt, over welkers singuliere inhoud wij ons eerbiedig de vrijheid reserveere reserveere, aan UwelEdele Hoog Achtb=e, bij het vervolg van deese onze nedrige Letteren, pligtschuldig verslag te doen= §. 47. vervolgens is door den Heere Gou„ „verneur, aan den ondergeteekende Secunde inhandigd een doosje met een Cijffer voor secreete Brieven, en daar op over gelegd het militaire orderboek, om ter secretarije te worden geseponeerd §. 48. Hier na heeft den Heere Gouverneur van de Graaff, aan den secunde Rhenius inhandigt, de Jnventaris van dit Gou„ „vernement, dewelke door zijn Ed:e is ge„ „teekend voor den overgave, en door den secunde Rhenius over den over den ontvangst, en nadit alles heeft den Heere gen, het eur a97 den den 1d #e - wierd door zijn E opgeleezen den geconcepieerden Eed, begeerende dat hetzelve door gem: ondert:t Rhenius zou worden gepresteerd dog daar zulx om bezijden gem: reedenen is geweijgert ge„ worden Heere Gouverneur voorgeleezen een Eed, door zijn Ed: geconcepieerd, en waar van de vrijheid neemen Uwel. Edele Hoog Achtb: Copia authenticq aantebieden, met begeerte dat dezelve zoud worden gehouden voor den Eed door uwelEdele Hoog Achtb: geordon„ =neert, en dat dezelve door den secunde aan handen van den Gouverneur zou worden geprosteerd. — § 49: wij gelooven geenzints, wel Edele Hoog Achtb: Heeren. ! dat het de intentie van uwel Edele Hoog Achtb„ heeft kunnen zijn, om den secunde aan hem Heere Gouverneur trouwe te doen zweeren, en heeft den onderget: secunde

NL-HaNA_1.04.02_10689_0229 view scan ↗

English

the meeting was thus concluded and left by his Honour. The secunde, likewise believing that he could not or ought not to take that oath, and therefore having refused it, whereupon the Lord Governor recommended the Secunde to assume authority upon the oath taken by him as secunde, provided that he adhere to the orders given by Your Right Honourable Worships in the aforementioned honored Missive. § 50. This meeting being thus concluded, the Lord Governor left it, wishing the members present God's blessing, declaring that he would perhaps not see them again; this honor was not granted to any of the undersigned departure of the aforementioned Lord Governor on the side. aforementioned date. The meeting having been convened the following day in order to administer the oath to the undersigned secunde in accordance with the supreme command of the same to happen tomorrow, and his Honour on the following Sunday the 26th of June at five o'clock in the morning boarded the ship Beverwijk, with which his Honour on the 22nd of that month at four o'clock in the afternoon undertook the voyage. § 51. By this departure, after the authority of this Government fell, in accordance with the venerable commands of Your Right Honourable Worships, into the hands of the undersigned secunde, he directly had the Council of Policy convened the day thereafter; but having proceeded to the council chamber together with the undersigned and neither the Lord Fiscal van Lijnden nor Colonel Gordon having appeared therein. undersigned cellar master, cashier, and dispenser, they were not able to find there the Lord Independent Fiscal van Lijnden, nor the Colonel and Commander of the Honourable Company's Militia here, Robbert Jacob Gordon, which last-mentioned has not been able to attend the meeting for a considerable time due to persistent indisposition; but whereas this meeting was expressly convoked in obedience to the honored commands of Your Right Honourable Worships to administer the oath to the undersigned Commander, and the Council, apart from him, would have consisted of only three of the members, thus we have given notice thereof by missive to the aforementioned Colonel Gordon, with an invitation, in view of that weakness of the Council, to come and assist the meeting if his health should in any way permit. which last-mentioned was requested by missive to be pleased to assist in the meeting, who, having appeared there, requested that before taking a seat a missive might be read aloud, § 52. Colonel Gordon having thereupon appeared in the council chamber, he requested, before taking a seat, that a reply to that Missive, which he handed to the Commander and of which we take the liberty to present to Your Right Honourable Worships an authentic copy alongside this, might be read; and from this having become apparent which we take the liberty dutifully to present to Your Right Honourable Worships. and the undersigned secunde took the oath of commander in the hands of the aforementioned Colonel Gordon, after the customary reciprocal congratulations had taken place, the declarations of Colonel Gordon of his zeal for the service of Your Right Honourable Worships and of his attachment to his fellow councilors, upon which we fully rely; we have unanimously thanked him for this, and furthermore taken our seats according to the order. § 53. Subsequently, the oath prepared according to the tenor of the venerable orders of Your Right Honourable Worships having been taken by the undersigned commander in the hands of the undersigned Colonel, we all congratulated him with very great emotion and affection, under a heartfelt wish of heaven's most precious blessings upon his administration, with the declaration that we, both collectively and each individually, will demonstrate through deeds our sincere desire henceforth to manage the affairs of this Government with him according to the orders, to preserve harmony in the council, and to do everything that can contribute to the welfare of the service of Your Right Honourable Worships and to the prosperity of this Colony; the Commander, having thanked the Members of the Council for these congratulations and declarations, added thereto that he held himself convinced of the upright zeal and loyalty with which each of them was inspired, of which they have displayed so many resolute proofs when required, both in the performance of their posts and in the administration of this Government, as well as of the unfeigned affection that each of them bore toward him; wherefore he would also rest assured to see harmony, which had so long been banished from our meeting, reappear in the same, there to dwell permanently, toward which he declares before Your Right Honourable Worships that he will do everything in his power; just as the undersigned, his fellow councilors, dutifully assure Your Right Honourable Worships that they will provide him with all help and assistance, to the end that we all might thereby become increasingly worthy of the confidence of Your Right Honourable Worships, and show to the Highest by deeds that we in all and everything intend nothing other than to look after the interests of the Honourable Company, as well as maintaining authority and preserving peace and harmony in this Colony. After

Dutch transcription

is de vergadering hier meede afgeloopen en door zijn Everlaaten. secunde dan ook vermeend, die eed niet te kunnen, of te moogen priesteeren, en zulks derhalven geweigerd, waar op den Heere Gouverneur den Secunde heeft gerecommandeert, op den Eed door hem als secunde gedaan, het gezach waar te neemen, mits zich houdende aan de ordres door Uwel Edele Hoog Achtb: bij voorm:e geëerde Missive gegeeven — § 50. Deeze vergadering hier meede geEindigd zijnde, heeft den Heere gou „verneur dezelve verlaaten, en aan de praesente leeden toegewenscht Godes zegen: onder betuijging dat hij dezelve mogelijk niet weeder zoude zien; deese Eer heeft ook geene der ondergeteekendens mogen zou t: 1 depart van gem:e Heer Gouverneur op bezijden. gem: datum — de vergadering 's daags daar aan belegd zijnde omme ingevolge Hoogst derselver bevel de onderteek: secunde in den Eed: te meemen morgen gebeuren, en heeft zijn Edele zig den volgenden zondag den 26. Junij des morgens om vijf uuren begeevennaar boord van het schip Beverwijk, waar meede zijn Ed: op den 22:e dier maand des nademid „dags vier uuren, de reise heeft aangenoomen. - Door dit vertrek, na volgens §: 51. de gevenereerde beveelen van uwelEdele Hoog Achtb=: het gezach van dit Gou„ vernement gevallen zijnde, in handen van den onderteekende secunde, zo heeft dezelve direct daags daarna de vergadering van Politie laaten be leggen; dan zich beneevens de ondergeteek: gen en in deselve niet verscheenen weezende den heer fiscaal van Lijnden nog den Colonel Gorden. ondergeteekende keldermeester, Cassier en Dispencier ter vergaderzaal begeeven hebbende, hebben zij daar niet mogen aantreffen den Heer Independent Fiscaae van Lijnden, noch den Colonel en Chef van sE Comp:s Militie alhier Robbert Jacob Gordon, welke laatstgem:e door aan „houdende indispositie een geruimen tijd de vergadering niet heeft kunnen bijwoo„ nen; dan dewijl deese vergadering wel expresselijk was geconvoceerd, om in op= volging van uwer wel Edele Hoog Acht: geëerde beveelen, den onderteekende Ge„ „zachhebber in den Eed te neemen, en den Raad, buiten hem, slegts uit drie der meede heeden zou hebben bestaan, Zo den ae is aanlaats gem:e p:r missive verzogt in de vergadering te willen adsisteeren— dewelke aldaar verscheenen zijnde verzogte dat alvorens plaats te neemen eene missive mogte worden opgeleeren— zo hebben wij daar van bij missive kennis gegeeven, aangeme Colonel Gordon, met uitnodiging omme, uit hoovde van die zwakheid des Raads, wanneer zijn gezondheid zulx eenig. zints toeliet, de vergadereng te koo= „men adsisteeren Den Colonel Gordon hier op ter § 52. raadzaal verscheenen zijnde, wierd door hem alvoorens plaats te neemen, verzogt, dat een andwoord op die Missive het welk hij den Gezachhebber in han„ „digde, en waar van wij de vrijheid nee„ „men uwel Edele Hoog Achtb=: neevens deese Copia Authenticq aan te bieden, mogt worden geleezen, en daar uit ge„ „bleeken die wij de vrijheid neemen uwel Edele Hoog Achtb: onder„ „danig aantebieden. en heeft den onderteekende secunde aan handen van gen: Collonel Gordon den Eed van gezachhebber afgelegd — na dat de gewoone filicitatie over en weder afgelopen waren bleeken zijnde, de betuijgingen vanden Colonel Gordon, van zijnen ijver voor den dienst, van Uwel Edele Hoog Achtb:, en van zijne attachement voor zijne meede „raaden, waar op wij ons volkomen ver„ „laaten; zo hebben wij hem daar over eenparig bedankt, en voorts naar de ordre sessie genomen — § 53 vervolgens door den ondergetee. „kende gezackhebber, de naar luid van uwel Edele Hoog Achtb:s gevenereerde ordres, vervaardigden Eed, aan handen van den ondergeteekende Colonel afge„ „legd zijnde, hebben wij hem allen niet zeer veel aandoening en geneegendheid gefeliciteerd, onder hardgrondige toewensching ive ds ter seive . , ge„ toewensching van de dierbaars te zee„ „geningen des Heemels over zijne regeering, onder betuijging dat wij zo gezamentlijk, als ieder afzonder- „lijk door daaden zullen aantoonen, onze opregte begeerte om met hem voorthaan de zaaken van dit Gou„ „vernement naar de ordres te bekieren, de eendracht in den raad te bewaaren, en alles aan te wenden, wat kan strek =ken tot wel zijn van den dienst, van uwel Edele Hoog Achtb. e, en tot welvaart van deese Colonie; de gezachhebber de Leeden des Raads voor deese felici„ „tatien en betuigingen, bedankt heb„ =bende, heeft daar teevens bijgevoegt, zich zich overtuijgd te houden, van de oprechte ijver en trouwe waar meede een ieder derzelve was bezield, en waar van zij wanneer zulks vereischt is geworden zelvs zo veel Cordaate blijken aan den dag heb. ben gelegd, zo in het waarneemen van hunne posten, als in het bestier van dit Gouvernement, als meede van de ongeveinsde geneegendheid, die een ieder hunner hem was toedragende: weshalven hij zich dan ook gerust zou verlaaten, de eendracht die zo lange uit onze vergadering was verbannen, weederom in dezelve te zien verscheijnen, om daar en bestendig te blijven woonen, waar toe hij voor uwel Edele Hoog Achtb: betuijgd Zee„ wij G Gou. liesen, n, k var 1 aart #ber t, h betuijgd, alles te zullen aanwenden wat in zijn vermoogen is; zo als de ondergeteekende, zijne meederaaden Uwel Edele Hoog Achtb:e plichtschuldig verzeekeren, aan hem alle hulp en adsistentie te zullen bewijzen, ten einde wij alle daar door het vertrouw „wen van uwel Edele Hoog Achtb:e langs hoe meer waardig mogten worden, en Hoogst dezelve door daa= =den betoonen, dat wij in allen, en alles niets anders bedoelen, als het behar= „tigen van de belangens der Ed=e Maatschap„ „pij mitsgaders het handhaven van gezeecht en het bewaaren van rusten eendracht, in deese Colonie. Na„

NL-HaNA_1.04.02_10689_0237 view scan ↗

English

The Commander made known to the Council the situation in which the affairs of this Government presently found themselves, and how many letters and orders, both from Your Right Honourable Worships and from the High Government of the Indies, had never yet been brought to the Council for deliberation. Section 54. After these formalities, the undersigned Commander made known to the members of the Council in what confusion, upon his assumption of command, the affairs of this Government were found, both because many of the orders received from Your Right Honourable Worships and the High Government of the Indies had until now been kept from execution, and because many letters received in this Government had never yet been brought to the Council for deliberation and thus remained unanswered, and the effort that would be required to bring everything that has fallen into arrears back onto a proper footing, requesting they be pleased to cooperate with him to bring affairs back into that order in which they were formerly. that for this would be required not only constant diligence from all of us, but also an uninterrupted assiduity in all departments; and principally at the Political Secretariat, where even the ordinary work, on account of preparing a multitude of voluminous documents for the Governor, has partly fallen into arrears and partly had to be abandoned, Section 55. Wherefore he requested the Council to be pleased to cooperate with him to bring all the affairs of this Government back onto a proper footing and into due order, in such manner thus we have resolved to resume in this matter, taking in hand the aforementioned plan in such manner as the same were formerly found, and concerning which Your Right Honourable Worships have more than once been pleased to express Your most particular satisfaction; and we have thus jointly not only recommended and ordered the Heads of the departments to cooperate therein on their part with all zeal, but we shall also keep a watchful eye that their duty is properly observed by the lesser employees. Section 56. In order to extricate the affairs of this Government from the confusion in which they find themselves, we shall first restrict ourselves to executing the orders contained of the outcome of which we shall successively render dutiful report to Your Right Honourable Worships— contained in Your Right Honourable Worships' most esteemed dispatch of 2 October 1790; subsequently take into resumption the venerable letters addressed to us by Your Right Honourable Worships on 4 January of this year, and finally investigate with all possible accuracy all the orders and commands of which the execution has hitherto been neglected, in order to put the same into execution; and we shall not fail to render respectful and dutiful report of these our proceedings successively, with every shipping opportunity, both to Your Right Honourable Worships and to the High Government of the Indies. having in the aforementioned humble dispatch to Your Right Honourable Worships reported the attempts made by Fiscal van Lijnden to leave this Colony— Section 57. Having, in our respectful secret letter of 24 June last, rendered a detailed account to Your Right Honourable Worships of the attempts made by Independent Fiscal Johan Nicolaas Steven van Lijnden to leave this Colony, and of the protests we had submitted to oppose this departure as much as was in our power, we shall, under respectful reference thereto, take the liberty to inform Your Right Honourable Worships further concerning the said Independent Fiscal. Section 58. That the undersigned Commander, we shall now take the liberty to bring to Your knowledge the aforementioned in that regard. at our meeting of 29 June, communicated that on 27 of that month, at about six o'clock in the evening, he had received a dispatch addressed to us, of which we take the liberty to offer Your Right Honourable Worships an authentic copy, and from which Your Right Honourable Worships will be able to observe, as appeared to us upon its opening, that the same was written under date of 25 of the said month by the Independent Fiscal van Lijnden, and consists of a notification that he was about to undertake the voyage to the Netherlands, together with a promise a promise of indemnification for collecting the revenues of a customs duty which, according to the order of Your Right Honourable Worships, ought to have been farmed out— Section 59. We cannot conceal from Your Right Honourable Worships that such conduct surprised us not a little, since, although he did declare at the meeting of 13 May that he intended to go complain to Your Right Honourable Worships about a certain writing addressed to us by the Burgher Council of War here, whereby he considered his honour to be utterly blemished, yet he never requested of us, nor communicated, permission or intention to execute this plan of his, or to depart on the ship Beverwijk. Section 60. Nor could we ever have expected, or dared to expect, that in spite of the positive orders of Your Right Honourable Worships, and in spite of our earnest protests, he would venture this bold and unpardonable step, especially with a vessel in which the Governor was about to repatriate, who therein, with the executive power entrusted to him and then still in his hands

Dutch transcription

heeft den heer gezackhebber den raad te kennen gegeeven, de situatie waar in de zaaken van dit Gouvernement zig tegenwoordig bevonden. en hoe veele Brieven en be„ veelen zo van Uwel Edele Hoog Achtb: als van de Hooge Iirdiase Regeering nog min„ „mer ter deliberatie van den. laad waaren gebracht. §. 54. Na deese plechtigheeden heeft den onderteekende Gezachhebber aan de Leeden des Raads te kennen gegeeven, in welke Confusie bij zijn aanvaarding van het gezach de zaaken van dit Gouverne„ „ment zich bevonden, zo, om dat veele der beveelen van uwel Edele Hoog Achtb„ en de Hooge Indiasche regeering ont„ „vangen, tot nu toe buiten executie zijn ge= „houden, als om dat veele brieven ten deezen Gouvernemente ingekomen, noch nimmer ter diliberatie van den Raad zijn gebracht, en dus onbeantwoord ge „bleeven, en de moeite die zou worden ver„ „eischt, om al 't geen ten agteren is geraakt, te brengen op eene betaamelijke voet, dat de dig ten u alschep en verzoekende met heen te willen coopereeren om de zaaken weeder in die ordre te brengen waar in zij wel eer zijn geweest. dat hier toe niet alleen vereischt zou worden eene gestaadige werkzaam. heid van ons allen, maar ook eene onafgebrokene assiduiteit in alle departementen; en wel principaal ter secretarije van Politie, alwaar zelve het ordinair werk, door, voor den — Heere Gouverneur eene meenigte van volumineuse stukken te vervaardigen, ten deele is veragterd, en ten deele in den steek heeft moeten worden gelaaten, §. 55 weshalven hij den raad verzogt met hem te willen Edopereeren, om alle de zaaken van dit Gouvernement, wee„ „derom op eene betaamelijke voet en in behoorlijke ordre te brengen, zo: „danig zo hebben wij beslooten hier in te reasseeren, het bezijden. „gerd: plan bij der hand te neemen zodanig als dezelve zig wel eer bevonden, en waar over uwel Edele Hoog Achtb: meer dan eens Hoogstderzelver bijzondere genoegen hebben geleeven te betuijgen, en hebben wij dus gezamentlijk, niet alleen de Chefs van de departementen gerecommandeert, en gelast, daar toe in't zijne met alle ijver meede te werken, maar wij zullen ook een waakend ooe„ houden, dat door de mindere geem= „ploijeerdens behoorlijk hunnen plicht word betragt. §. 56 om de zaaken deeses Gouvernements uit de Confusie te haalen, waar in zij zich bevinden, zullen wij ons eerst be„ „paalen tot het executeeren der beveelen vervat zou een van n, „ „ van welker uitslag wij uwel Edele Hoog Achtb:s successivelijk pligtschuldig verslagn zullen doen— vervat bij Uwerwel Edele Hoog Achtb: zeer geëerde Missive van den 2=de oc= „tober 1790. – vervolgens ter resump „tie neemen de gevenereerde letteren door uwel Edele Hoog Achtb: op den 4=e Jannuarij deeses Jaars aan ons gericht, en eindelijk met alle moogelijke accuratesse naspeuren, alle de ordres en beveelen waar van de executie tot nu toe is verzuijmd gebleeven, omme der „zelve ter executie te leggen, en zullen wij niet nalaten van deeze onze verrichting successivelijk, met ieder scheeps geleegendheid, zo aan uwel Edele Hoog Achtb: als aan de Hooge India „sche Regeering, eerbiedig en pligtschie„ „digs bij nevens gem: humble missive aan uwel Edele Hoog Achtb: verslag gedaan hebbende van de tentames door den fiscaal van Lijnden gedaan om deese Colonie te verlaten. — §. 57. „dig verslag te doen. Bij onze eerbiedige secreete Lette„ „ren van den 24:e Junij Jongstleeden aan uwel Edele Hoog Achtb: een omstandig verhaal gedaan hebbende, van de ten„ „tames die den Independent Fiscaal Iohan Nicolaas Steven van Lijnden ƒ bewerkstelligde, om deese Colonie te verlaaten, en van de protesten die wij hadden ingediend, om voor zo veel in ons vermogen was dit vertrek teegen te gaan, zo zullen wij onder eerbiedige referte daar aan, de vrijheid neemen, uwel Edele Hoog Achtb:s omtrent geme Independent Fiscaal nader te berichten, §. 58 Dat den ondergeteekende Gezachhebber. ter htb. c„ n nu llen „ dia zullen wij thanss de vrij„ „heid neemen Hoogst dezelve ten dien opzigte het nevens gem: ter Cognitie te brengen. ter onzer vergadering van den 29=e Junij heeft gecommuniceert, dat hij op den 27:e dier maand des avonds circa zes uuren had ontvangen, eene Missive aan ons gerigt, waar van wij de vrijheid neemen Uwel Edele Hoog Achtb:r Copia authenticq aan te bieden, en waar uit uwel Edele Hoog Achtb: zullen kunnen ontwaaren, zo als ons bij dies opening is gebleeken, dat dezelve sub dato 25. der gemelde maand is geschreeven, door den Inde„ „pendent Fiscaal van Eijnden, en be= staat in eene kennisgeeving, dat hij de rijze stond aan te neemen naar Neederland, mitsgaders in een beloote . belovte van indemnisatie weegens het percipieeren der revenues eener dou- ane, die volgens ordre van Uwel Edele Hoog Achtb=s had moeten worden ver= „pagt — §. 59. wij kunnen voor Uwel Edele Hoog Achtb=r niet ontvrinsen, dat zulk een gedrag ons niet weinig heeft gesurpre= „neerd, dewijl hij wel ter vergadering van den 13=e Mai heeft gedeclareerd, van voorneemens te zijn, zich bij uwel Edele Hoog Achtb: te gaan be„ =klaagen, over zeekere geschrift, door den burger krijgsraad alhier aan ons gerecht, en waar bij hij vermeende, zijne Eere ten uittersten geflettrisseerd te zijn, doch e hij onds een Tilkler b en de. 4 be„ doch nimmer van ons heeft verzogt, of gecommuniceerd, dit zijn voornee= men te mogen of te willen executee„ „ren, of met het schip Beverwijk te willen vertrekken. §. 60: wij hebben ook nimmer kunnen, ofte durven verwagten, dat hij in weerwil van de stellige ordres, van ^ Uwel Edele Hoog Achtb., en in weer =wil van onze ernstige protestatiën, deeze stoute en onverschoonlijke stap„ zou waagen, voor al met een Bodem waar meede den Heere Gouverneur stond te repatrieeren, die hem daar in, met de, aan hem toebetrouwde, en als toen noch in zijne handen hebben uitvoeerende

NL-HaNA_1.04.02_10689_0245 view scan ↗

English

and we have likewise deemed it necessary to conduct the aforementioned investigation concerning the manner in which the Fiscal left this Colony, in which the executive power dutifully should have intervened. Paragraph 61. For which reasons we believed that we could not, nor ought to, rest upon this notification from the Fiscal regarding his departure, but on the contrary were obliged to conduct a precise investigation concerning the manner in which the Fiscal left this Colony; and to that end summoned to the meeting the merchant and paymaster Clemens Matthiessen Junior, the merchant and shopkeeper, as well as Muster Commissioner Egbertus Bergh, and the Master of Equipment Cornelis Cornelisz, who, having appeared at the Castle and one after the other in our meeting, the undersigned Governor asked the paymaster whether the Independent Fiscal had been entered by him on the muster roll of the ship Beverwijk, and if so, by whose order; to which the paymaster affirmed that he had received no orders to enter the Independent Fiscal van Lijnden on the muster roll, but had learned from the Governor that the Fiscal would probably depart on that ship, without the Governor being able to grant an authorization for that purpose, further testifying that the pay account of the Fiscal had also not been closed. Paragraph 62. The aforementioned Muster Commissioner having arrived at the meeting, the undersigned Governor asked him whether the Independent Fiscal van Lijnden was registered on the aforementioned muster roll at the time he conducted the muster of the ship Beverwijk; to which he replied that he had found no other passengers on the muster roll than the Governor Cornelis Iacob van de Graaff, and the Assistant Secretary Carel Mappa, his wife, and a small slave boy belonging to him. Paragraph 63. The Master of Equipment being asked in what manner and when the Independent Fiscal went on board, declared in response that on Saturday the 25th of June the Independent Fiscal sent a request to him to have a government launch held in readiness at his disposal around seven o'clock in the evening, into which the Fiscal boarded and from which he subsequently transferred into the government boat the Admiraal Tromp, with which he proceeded that very same evening to the ship Beverwijk, without having heard that the Fiscal had returned to shore. Paragraph 64. During this investigation, we had the necessary inquiries made as to whether any report had also been made to the officer who commanded the main guard on the 25th of June, by the sergeant holding post at the jetty, regarding the departure by boat of the Independent Fiscal van Lijnden; and thereupon it was found and reported to us that the Sergeant Iacob Wilhelm Rautenbach, who kept guard at the jetty on the aforesaid date, saw the Independent Fiscal van Lijnden arrive in a government launch around seven o'clock in the evening, from which launch he subsequently transferred into a government boat and set off with it toward one of the ships then lying in this roadstead; that the aforementioned sergeant immediately had a report made of this to the Ensign Ferdinandus Hendrik Schultz, and he in turn to the Governor, who was at that time still ashore and remained until the following morning, from which it appeared to us that the said Fiscal must have departed for the Netherlands on the ship Beverwijk, around five o'clock in the morning, it being still dark, when the aforementioned Officer Schultz had a report made to the Governor that the Governor had boarded a government launch from the jetty. Paragraph 65. From all of this then, Right Honourable Lords, it has appeared to us that the Independent Fiscal Iohan Nicolaas Steven van Lijnden, on the 25th of this month, around seven o'clock in the evening, proceeded from shore on board the ship Beverwijk, with which he, without the slightest doubt, left this Colony and departed for the Netherlands. Paragraph 66. We have considered this matter to be of such weight and importance to the Noble Company that we believed we would have made ourselves guilty of neglect of duty had we not seized the first opportunity to inform Your Right Honours thereof, of which we hereby dutifully render a report to Your Excellencies; and therefore we have detained the packet boat De Vlijt, which, repaired of its sustained damage, has already been ready to undertake the journey for several days, in order to be able to convey these humble letters of ours, which we hope will not be interpreted unfavourably by Your Right Honours. Paragraph 67. However much we would have deemed it our unavoidable duty to prevent and counter such an abandonment of this Colony by the Independent Fiscal van Lijnden, as well as the reasons that restrained us from hindering him in his intention, with those means that have been placed into the hands of the government of this Colony by Your Right Honours in order to ensure respect for Your Honours' commands and to curb disobedience, we nevertheless found ourselves unable to do so, because the Independent Fiscal requested, indeed required, the protection of the Governor van de Graaff to protect him, with the authority entrusted to His Honour, in his intention to leave this land.

Dutch transcription

en hebben wij tevens nodig geoordeeld het nevens gem:e onderzoek te doen omtrent de wijze op welke hij Fiscaal deese Colonie heeft verlaten uitvoerende macht, pligtschuldig hin= „derlijk had moeten zijn. §. 6. 1. weshalven wij vermeend hebben, in deese kennisgeeving van hem Fis= „caal; wegens zijn vertrek, niet te kunnen, nog te mogen berusten, maar in teegendeel een naauwkeurig onder zoek onderzoek te moeten doen, om- „trent de wijze op welke den Fiscaal deese Colonie heeft verlaaten, en tot dat einde ter vergadering geappoincteerd, den koopman en Soldijboekhouder Clemens Matthiessen Junior, den koopman en winkelier, mitsgaders Commissaris van de Monstering Eg„ „bertus Bergh, en den Equipagiemeester Cornelis 1 te van ie, Map dam neur aar hebben ende ƒ Cornelis Cornelisz, welke ten Casteele, en den een na den anderen in onze vergadering verscheenen zijnde, es door den onderteekende gezachhebber, aan den soldijboekhouder afgevraagd, of den Jndependent fiscaal door hem op de Monsterrolle van het schip Beverwijk was bekend gesteld. ! en zo Ja, op wiens ordre ? welke soldij: boekhouder daar op heeft betuijgd geene ordre te hebben gehad, den In„ „dependent Fiscaal van Lijnden op de Monsterrolle bekend te stellen, doch van den Heere Gouverneur te hebben vernoomen, dat den Fiscaal denkelijk met dat schip zoude vertrekken zonder zonder dat hij heere Gouverneur daar toe eene ordonnantie konde verleenen, betuijgende verders, dat de soldij reekening van den fiscaal ook niet was afgesloo: „ten §. 62: voorm. e Commissaris van de mons„ „tering ter vergadering gekomen zijnde, heeft den onderteekende gezachhebber hem afgevraagd, of den Jndependent fis„ „caal van Lijnden op voorm:e monster= „rolle heeft bekend gestaan, ten tijde dat hij de monstering van het schip Be„ „verwijk heeft gedaan ? welke daar op heeft geantwoord geene andere Passee. „giers op de monsterrolle te hebben gevonden, als den Heere Gouverneur Cornelis steele, ze ze door vlnen „ 4 7 te trekken Cornelis Iacob van de Graaff, en den adjunct Secretaris Carel Mappa„ desselvs huijsvrouwe, en een kleine slaaven Jongen hem toebehorende §: 63: den Equipagie meester afgevraagd zijnde op welke wijze, en wanneer den independent Fiscaal zig naar boord heeft begeeven! heeft daar op verklaard, dat den Independent Fiscaal hem op Zaturdag den 25 Junij heeft laaten verzoeken om teegens„ 's avonds zeeven Uuren een Lands schuit ter zijner dispositie in ge„ reedheid te houden, waar in den Fiscaal zig heeft begeeven en daar uit vervolgens is overgestapt in de Landsboot Landsboot de Admiraal Tromp, waar meede hij zig nog dien zelfden avond had begeeven, naar boord van het schip Beverwijk, zonder dat hij hadt vernoomen dat den fiscaal weeder dan wal was gekoomen. §. 64. staande dit onderzoek hebben wij de nodige recherches laatendoen of aan den officier die op den 25. Jenij de hoofdwacht heeft gecommandeert, ook eenige rapport was gedaan, van de posthoudende sergeant van het zeehoofd over 't naar boord vaaren van den Jndependent. Fiscaal van Lynde, en is daar op bevonden, en aan ons ge„ rapporteerd dat den sergeant Iacob wilhelm Wilhelm Rautenbach welke op voorsz: datum op 't zeehoofd de wagt „hield, s' avonds circa zeeven Uuren, met een landschuit heeft zien aan. „koomen den Jndependent Fiscaal van Lijnden, uit welke schuit vervolgens was overgestapt in een Landsboot, en daar meede na een als toen ter deeser reede leggende scheepen was afgestooken; dat voorm:e sergeant daar van terstond rapport had laaten „doen, aan den vaandrig Ferdinan. „dus Hendrik Schultz: en deese weederom aan den Heere Gouverneur die zig als toen nog aan land bevond, en gebleeven is tot des anderdaags s morgens, waar uit aan ons is ge bleeken dat gem. Fiscaal. met het schip Beverwijk naar Nederland zal zijn ver„ „trokken 's morgens om vijf uuren nog duister zijnde, wanneer evengemelde officier schultz: aan den gezachhebber rapport heeft laaten doen, dat den Heere Gouver- =neur zig van het zeehoofd in een Lands. schuit had begeeven. - §. 65 Uit dit alles dan, welEdele Hoog Achtb= Heeren! is ons gebleeken, dat den independent fiscaal Iohan Nicolaas Ste= „ven van Eijnden, zig op den 25=de deeser des avonds Circa zeeven uuren van Land heeft begeeven aan boord van het schip Beverwijk, waar meede hij zonder eenige de minste twijffel, deese Colonie heeft ver. laaten en naar Nederland is vertrokken §. 66. Wij hebben deeze zaak van dat gewicht en 1 „ „ van ot ten man. eu, waar van wij Hoogst dezelve bij deesen plechtschuldig verslaen doen en belang voor de Edele maatschappij geoordeelt te zijn, dat wij vermeend heb„ =ben ons aan plichtverzuijm schuldig zouden gemaakt hebben, zoo wij niet de eerste geleegendheid capteerde om daar van aan Uwel Edele hoog Achtb: kennis te geeven, en derhalven hebben wij de Pacquetboot de vlijt, die van desselve geleedene schade gerepareerd, reeds voor eenige daagen gereed is geweest de reize te aanvaarden, opgehouden om deese onze needrige letteren te kunnen overvoeren, 't welk wij hoopen, dat door Uwel Edele Hoog Achtb:r niet ongunstig zal worden geduid §: 67 Hoe zeer wij het ook van onzen onvermijdelijk 7 ƒ „gelijk meede van de reedenen die ons weerhouden hebben, hem in zijn voorneemen te kinderen onvermijdelijke pligt zouden hebben ge„ „acht, om een diergelijke verlaating uit deeze Colonie van den Jndependent Fis„ „caal van Lijnden, te weeren en teegen te gaan, met die middelen die door UwelEdeel Hoog Achtb: aan de regeering deeser Colonie in handen zijn gegeeven, om hoogstder„ „selver beveelen te doen respecteeren, en de ongehoorzaamheid te beteugelen hebben wij ons echter daar toe buijten staat be„ „vonden door dien den Independent Fis„ caal de Protectie van den Heere Gouverneur van de Graaff heeft verzogt, Ja gerequi. =reerd, omme hem, met de aan zijn Edele aanvertrouwde auctoriteit in zijn voornee„ =men om dit Land te verlaaten te protegeeren, en happij nis los voor ien nen stig ven

NL-HaNA_1.04.02_10689_0254 view scan ↗

English

as also to make known to Your Noble High Mightinesses our astonishment concerning the conduct of the ship authorities held herein, and that the said Governor did not wish to relinquish this authority, consisting of the executive power, until His Honour should leave this Colony; yea, what is more, to resume it if His Honour might be compelled by perils of the sea to enter these roads again, on which account the Independent Fiscal left this Colony under the protection invoked by him. Section 68. We deem that we ought not to refrain from presenting to Your Noble High Mightinesses our astonishment at the conduct of the authorities of the ship Beverwijk, who probably have taken aboard the Independent Fiscal van Lijnden, certainly with his baggage, without having been properly authorized thereto by ordinance, unless the Governor, by virtue of the aforesaid authority, had orally ordered them to do so, as has certainly occurred regarding two bondmen of the Honourable Company named Willem and Ian, both of the Cape, who were taken along by His Honour himself without any prior knowledge or concurrence of the Council, while only after the departure of the Governor was a report made on his order by the overseer of the slave lodge concerning the embarking of these slaves. And how the Governor could have seen fit, besides the said two slaves, to take with him. Alongside the said remarks concerning the departure of the Independent Fiscal, we hope that it will not be taken amiss by the same High Authorities. Section 69. We hope that Your Noble High Mightinesses will not be pleased to interpret unfavourably that we take the liberty to submit to the same in all submissiveness the remarks that have occurred to us concerning the departure of the Independent Fiscal van Lijnden from this Colony, as being: Section 70. Firstly, occurred in a clandestine manner, without having obtained thereto the necessary permission from Your Noble High Mightinesses, yea, notwithstanding the protests made on that account by each of the Council members, who have sufficiently demonstrated not being able to tolerate this departure, since the Fiscal ought to have requested and awaited his discharge from Your Noble High Mightinesses. Section 71. Secondly, that he has taken advantage of the night or evening for this purpose, as if he was convinced within himself of taking a step of which he ought to be ashamed. And. Section 72. Thirdly, because by this clandestine departure he has rendered illusory the numerous orders given by the High Rulers over this Colony regarding the providing of proper bail; especially all those determined by circular orders of the High Indian Government on 23 December 1749, 10 July 1750, 24 February 1761, 9 June 1762, and 10 December 1765, and of which he could not have been ignorant of a single one, since by that of 10 July 1750, whereby the bail for the Fiscals is determined at five thousand Rixdollars, it is simultaneously resolved that the same sum shall only be sufficient outside extraordinary cases which might require a higher bail, and he was demanded and ordered by that same resolution to watch over the execution of that order by virtue of oath and office. Enclosed. Enclosed goes the closed pay account of the said Independent Fiscal. The undersigned Dispenser declared the adjacent regarding the Fiscal's providing of bail. Section 73. Enclosed we take the liberty of offering to Your Noble High Mightinesses the pay account of the said Independent Fiscal van Lijnden, which we have caused to be closed under date of 25 June last, the day when he departed from here. Section 74. In the deliberations held on all this at our meeting, the undersigned Dispenser made known to us that, whereas he had been prevented by indisposition from attending the meeting held on 10 June, he had subsequently inquired of his fellow councillors, the undersigned Commander and the undersigned Le Sueur, whether the Independent Fiscal, upon his requisition made with his protest submitted on that day, had agreed to provide the required surety to restore, or to be able to recover, the revenues of the Customs enjoyed by him, if Your Noble High Mightinesses might come to reclaim such, and had thereupon learned that the Independent Fiscal, among many protestations of honesty and disinterestedness, had declared himself unable to do so, yet desiring that his houses and other estate left behind should be liable for it; although this express desire is far to seek in the document prepared by him after that meeting, though inserted into the resolutions of that day, and of which an authentic copy has already been offered to Your Noble High Mightinesses with the aforesaid secret missive of 24 June; that he had thereby been somewhat reassured, since this declaration served to be considered as a special commitment of those goods, but that he had learned with all the greater astonishment: Section 75. How the Fiscal had been able

Dutch transcription

mitsg:s uwe Edele Hoog Achtb: onse verwondering te kennen te geeven over het gedrag der scheepsoverheeden hier in gehouden— en dat gem=e heere Gouverneur deese authoriteit bestaande in de ruit voerende macht, niet heeft willen afstaan, voor dat zijn Ed: deeze Colonie zoude verlaaten Ja, wat meer is, hervatten, w wan„ „neer zijn Ed:e door Zeenood genoodzaake mogt worden deese rheede wederom binnen te loopen, weshalven den In„ „dependent Fiscaal deese Colonie heeft verlaaten onder de door hem ingeroe. pene protectie §. 68. Wij vermeenen niet te mogen af„ zijn Uwel Edele Hoog Achtb: voor te „draagen onze verwondering, over het gedrag der overheeden van 't schip Be: verwijk, die waarschijnlijk den Independen Fiscaal en hoe den Heeren Gouverneur heeft kunnen goedvinden bezijden gem: twee slaaven met zig te neemen. Fiscaal van Eijnden zeekerlijk met zijne Bagagie zonder daar toe behoorlijk bij ordonnantie te zijn geauthoriseerd, hebben overgenoomen, ten zij den Heere Gouverneur hen zulx, uit hoovde van voorsz: authoriteit, mondelings had gelast, zo als zekerlijk geschied is, omtrend twee Lijfeigenen der E Comp=ie genaamd Willem, en Ian, beide van de Caab, dewelke door zijn Ed=e zelfs zijn meede genoomen zon„ „der eenige voorkennis of Concurrentie van den raad, terwijl eerst na het vertrek van den Heere Gouverneur ter zijner ordre door den opziender van de slaa. „ven Logie van het embarqueeren, deezer slaaven rapport is gedaan wij se de voor laa laten wan. wan zaak heeft ag endan nevens gen: remarques omtrent het vertrek van den Jndependent Fixcaal, ver„ „hoopen wij dat door Hoogst= „dezelve niet qualijk zal worden geduid. §. 69. Wij verhoopen dat uwel Edele hoog Hoog Achtb: niet ongunstig zullen gelieven te duijden, dat wij de vrijheid „neemen, hoogstdeselve in alle onderda„ =pigheid te suppediteeren de remarques die bij ons zijn gevallen omtrend het vertrek van den Independent fiscaal van Lijnden uit deese Colonie, als zijnde §. 70 Eerstelijk geschied op eene Clandestine wijze, zonder daar toe de nodige permis. „sie van Uwel Edele Hoog Achtb:r te hebben bekoomen, ja ongeacht de uit dien hoofde gedaane protestatiën van ieder der raadsleeden, die genoeg betoond hebben dit vertrek niet te kunnen kunnen gedoogen, alzo den Fiscaal zijn ontslag van Uwel Edele Hoog Achtb„ hadt moeten verzoeken en afwachten. §. 71. ten Tweeden dat hij daar toe den nacht of avond ten baat heeft genoomen, als of hij bij zig zelfs overtuijgd is geweest een stap te doen waar over hij zich moest Schaamen. en. §. 72 ten derden om dat hij door dit Clandestine vertrek illusoir heeft. gemaakt de meenigvuldige ordres door de Hooge Gebiederen over deeze Colonie gegeeven, weegens het stellen van behoorlijke Borg„ togt; voor al de geene die bij circulaire ordres van de hooge Indiasche regee„ „ring op den 23 December 1749: den 10 Julij 5009 tien 10 Julij 1750. , den 24 februarij 1761. den 9: Junij 1762. en den 10 December 1765. zijn bepaald, en waar van hij geene enkelde heeft kunnen ignoree. „ren alzoo bij die van den 10. Julij 1750. , waar bij de Borgtogt voor de Fiscaals word bepaald of vijf Duij„ „zend Rijksd:s, teffens is gearresteerd dat dezelve zomma alleen sufficent zal zijn buijten extra ordinaire ge„ vallen, die een hoogere Bergtogt mogten vereisschen, en aan hem bij dat zelfde besluijt is gedemandeert en bevoolen om voor de executie dier ordre Eed en amptshalven te waaken Ingeslooten. overgaande afgesloten soldij „reekening van gem: Indepen. „dtont Fiscaal. den ondeteekende Dispencier het nevensgem: ten opzigte vande borgstelling de Tis„ „caals gedeclareerd. looten. §. 7. 3. Ingeslooten neemen wij de vrijheid U. wel Edele hoog Achtb: aan te bieden, de soldij reekening van gem:e Independent Fiscaal van Lijnden, dewelke wij sub dato 25 Iunij Jongstleeden, den dag wanneer hij zig van hier heeft begee= „ven, hebben doen afsluijten §. 74. Bij de deliberatien die over dit een en ander ter onser vergadering zijn gehouden, heeft den Ondergetee= „kende dispencier aan ons te kennen ge„ „geeven, dat, daar hij door indispositie verhindert was geworden de vergadering op den 10 Junij gehouden, bij te woonen, zig naderhand bij zijne meede raaden den onderteekende gezachhebber en den 1761. - ber hij e. ent icen ge„ er den ondergeteekende Lesueur had ge„ =informeert, of den Independent fiscaal op zijn requisit gedaan bij zijn protest ten dien daage ingeleeverd, hadt aan. „genoomen de verEischte Cautie te stellen, omme te restitueeren, of te te kunnen verhaalen, de inkomsten der Douane bij hem genooten, zo uwel Edele Hoog Achtb: zulx mogten koomen te reclameeren, en daar op vernoomen hadt dat den Jndependen Fiscaal, onder veele betuijgingen van eerlijkheid en onbaatzuchtigheid, had „de gedeclareerd, zulks niet te kunnen doen, dog te begeeren dat zijne huijse en verdere natelatene goederen daar voor voor aanspraakelijk zouden zijn; al„ hoewel deeze expresse begeerte verre is te zoeken in het geschrift door hem na die vergadering vervaardigt, schoon bij de resolutien van dien dag geinse „reerd, en waar van Copia Authenticq bij voorm: secreete Missive van den 24 Junij reeds aan uwel Edele hoog Achtb:e is aangebooden; dat hij daar door eenigsints was gerust gesteld ge„ worden, alzo deese declaratie diende te worden aangemerkt als eene speci= „ale verbintenisse dier goederen, dan dat hij met des te meerder verwonde. „ring hadt vernomen. — §: 75. hoe den Fiscaal van zig hadt kunnen ad ge 90. te 1 J 95 a van had en u huis daar aar voor

NL-HaNA_1.04.02_10689_0262 view scan ↗

English

as well as having made known what had occurred regarding the sale of his real estate; that he had managed to obtain the sale of his dwelling house with four adjoining rental houses to the titular merchant Constant van Nueld Onkruijt for a sum of seventy-three thousand guilders, Indian valuation, and unexpectedly and in a singular manner to effect the conveyance and transfer thereof at his house on Monday the 20th of June before members of the Council of Justice; that he had believed he ought immediately and without any delay to take in hand such means as remained available to him to have that transfer nullified and to make the Independent Fiscal fulfill his solemn promise; that for this purpose he had on that same day requested and obtained an extraordinary meeting of Justice, which then, upon the written request made by him and by virtue of the sound reasons and motives alleged therein, did not hesitate at all to declare that transfer null and void, as all this appears more fully from the extract of the minutes kept in that meeting, of which we take the liberty to present to Your Right Honourable a certified true copy alongside this. Section 76. Wherefore he submitted to us for consideration whether, since the Fiscal, by his singular abandonment of this colony, is unable, pursuant to the decree of the Council of Justice, to provide the requested sureties, and his houses and left-behind property are therefore liable for this, it would not be necessary to refund the moneys paid by the titular merchant Onkruijt for the lord's dues on those houses into the Honorable Company's treasury back to him upon a written warrant, and to order the attorneys of the Independent Fiscal to take proper care that the moneys arising from the rent of those houses are consigned by them into the Honorable Company's treasury, after deduction of the costs required for their repairs in order to keep them in the condition in which they presently are, and at the same time to hold them responsible for delivering the aforesaid houses at all times in that condition, all until such time as the revered orders of Your Right Honourable regarding this matter shall have arrived. Section 77. Which declaration of the undersigned having been maturely deliberated upon by us, we have decided, for all the aforementioned reasons, to place this matter into the hands of the Fiscal Office, in order that, not only on account of the missing stipulated surety of five thousand rixdollars, but also in the matter of the customs and other revenues which the Independent Fiscal van Lijnden claimed were attached to his office, whenever restitution should be made on that account to the Noble Company, as well as in the matter of the judgments both of the Council of Justice here and on appeal before the Council of Justice at Batavia, such proceedings may be initiated against all property and effects left behind here by the Fiscal as shall be found proper and serviceable for the due indemnification of the Honorable Company and other interested parties. Section 78. The undersigned Acting Commander having furthermore made known in our meeting that, in this capacity, he could not possibly continue to hold the presidency of the Council of Justice, and the order of affairs therefore demanded that provision be made in this regard with the utmost speed, by having that presidency provisionally filled by someone of whom one could be assured of having known how to acquire and preserve the respect and confidence of the inhabitants of this colony, especially in the circumstances in which it finds itself, which are sufficiently brought to light by the submitted petition of the Burgher Military Council; we (after the undersigned Cellarmaster declared that, as the oldest member of the Council, he ought to have offered his services for this, but that he was hindered therein by the lawsuit in which he found himself involved with the Independent Fiscal van Lijnden), taking into consideration the various proofs at hand that the undersigned Cashier has succeeded in this, and that he, both through having formerly held the office of Adjunct Fiscal and subsequently that of Landdrost of Stellenbosch and Drakenstein, and through having served as a useful member of the Council of Justice for a period of seven years without interruption, has acquired all the necessary knowledge of judicial matters, and thus also to function as President, we have unanimously requested him, both for the well-being of the service of Your Right Honourable and for the maintenance of good justice and the restoration of peace and harmony in this colony, to be willing to take upon himself provisionally and pending the further revered decision of Your Right Honourable the presidency of the Council of Justice; whereupon it was declared by him: that, as far as he is aware, he has never once shrunk from taking trouble and care upon himself whenever there was even a faint hope that his efforts could contribute to the ends intended herein, but that at the same time

Dutch transcription

mitsg:s te kennen gegee„ „ven hebbende, wat omtrent het verkopen zijner vaste goederen heeft plaats ge„ „vonden kunnen verkrijgen zijn woonhuijs met vier annexe huurhuijzen te verkopen, aan den koopman titulair Constant van Nueld onkruijt, voor eene zomma van Drie en zeven. „tig Duijzend Guldens, Indische evaluatie, en daar van op 't onver„ „wachts en op eene singuliere wijze, ten zijnen huijze, op Maandag den 20=ste Junij, voor Leeden uijt den raa„ „de van Justitie transport en opdragt te doen; dat hij vermeend had direct en zonder eenig tijdverzuijm bij der hand te moeten neemen zoo „danige middelen als hem nog over „bleeven, om dat transport te doen vernietigen vernietigen, en den independent fiscaal zijne plegtige belofte te doen nakoo= „men; dat hij daar toe nog dezelfde dag hadt verzogt en geobtineerd extraordi. naire vergadering van Justitie, dewelke dan ook op het schriftelijk verzoek door hem, en uit hoofde van de daar bij geallegueerde bondige reedenen en Motiven, geenzints heeft gehesiteerd, dat Transport te verklaaren van nul en geener waarde, zo als dit een en ander nader Consteerd uit 't Extract der Notulen in die vergadering gehou „den, en waar van wij de vrijheid nee„ =men uwel Edele Hoog Achtb: Copia authenticq nevens deese aantebieden weshalven „ . raa„ gt ij zoo. tigen §. 76. weshalven hij aan ons en Consi„ „deratie heeft gegeeven, of het, de„ „wijl den Fiscaal, door sijne singuliere verlating van deese Colonie, buijten staat is, naarluijd van het dispositief van de raad van Justitie, de begeerde borgtogten te stellen, en dus deszelfs huijzen en nagelaatene goederen daar over aanspraakelijk zijn, niet nood= zaakelijk zoude zijn, de Penningen door den koopman titulaer onkruijt voor s' heeren Gerechtigheid van die huij„ „zen in 'sE Comp:s Cassa betaald; weederom aan dezelve op schriftelijke ordonnantie te doen restitueeren, en de gemach. „tigdens van den Jndependent Fiscaal te gelasten te gelasten, behoorlijk te zorgen dat de Penningen van de huur dier huij„ „zen provenieerende, door hen en 'sComp s Cassa worden geconsigneert na aftrek van de kosten die tot dies reparatie „roorde vereischt, om dezelve in die stand te houden, waar in zij zich thands bevinden, en hun teffens res- ponsabel te stellen om voorsz: huij- =zen ten allen tijden wederom in die stand te leeveren, alles tot tijd en wijlen dat hieromtrend de geëer= „biedigde beveelen van UwelEdele Hoog Achtb=s zullen weezen ingekoo= men. §. 77. Over welke declaratie van den onderteekende tie al sten reedenen besloten deeze zaak te stellen in handen van het officie Fiscaal. hebbenwij om alle voorm: onderteekende Dispencier bij ons rijpelijk gedelibereerd zijnde geworden, hebben wij beslooten, deeze zaak te stellen in handen van 't officie fiscaal, ten einde, niet alleen uit hoofd der ontbreekende bepaalde borgtogt van vijf Duijsend Rijx=s, maar ook nog ter zaake van de douane en andere inkomsten, dewelke den Independent Fiscaal van Lijnden heeft gepretendeert aan zijn ampt geaccrocheert te zijn geweest, wan- „neer desweegens aan d' Edele Malet„ schappij restitutie zoude behoren te geschieden, gelijk ook nog ter za „ke van de gewijsdens zo bij de raade van te kennen hebbende gegeven, de onmogelijkheid om het prosedie „ger te blijven bekleeden. — van Justitie alhier, als bij provaca= „tie bij den raade van Justitie te Batavia, teegens alle goederen en effec„ „ten door den fiscaal alhier nage„ „laaten, zodanige procedures te enta„ „meeren, als ter behoorlijke schadeloos stelling van d' E Comp=ie en andere gein= terresseerdens oirbaar en dienstig zul„ „len worden bevonden. §. 78: de ondergeteekende gezachhebber de ondergeteekende geraehebber alwijders ter onser vergadering te ken. in den laade van Justitie lan =nen gegeeven hebbende, dat in deese qualiteit onmogelijk 't praesidie in den raade van Iustitie konde blijven bekleeden, ende ordre der zaaken over zulx kwam te vorderen, dat de daar: omtrend, hoofde p an. n Za ad omtrend ten allerspoedigsten wierd voorzien, met dat praesidie provisio „neel te doen bekleeden door iemand, van wien men verzeekerd konde zijn de agting en het vertrouwen van de ingezeetenen deezer Colonie, vooral in de omstandigheeden waar in de„ =zelve zig bevind, en dewelke door 't ingedient schriftuur van den burger krijgsraad genoeg aan den dag worden gelegd, / zig had weeten te verwerven en te conserveeren, zo hebben wij ( nadien den ondergeteekende Keldermeester heeft gedeclareerd, dat als ouaste Lidt des raads hij daar toe zijne diensten zouden hebben behooren aantebieden, dog dat hij daar in is hetzelve om bezijde gem: reedenen opgedragen aan den onderteekende Cassier de tuet. in was verhindert door het proces waar in zig met den Jndependent Fiscaal van Lijnden gewikkeld vond;:/ in aanmer. „king genoomen de verscheidene blijken die voor handen zijn, dat zulx heeft mogen gelukken aan den onderteekende Cassier, en dat hij, zo door het eertijds bekleeden van het Ampt van adjunct Fiscaal en vervolgens dat van Landdrost van Stellenbosch en Drakenstein, als door den tijd van zeeven Jaaren, bij interruptie, den raad van Justitie tot een nuttig lidt te hebben verstrekt, alle des nodige kunde heeft verkreegen van Justitieele zaaken, en dus ook om als president te fungeeren; zo hebben wij hem renanimne verzogt 0 0. bben die daar op de bezijde gen. declaratie heeft gedaare- - verzogt, zo tot welzijn van den dienst van UwelEdele hoog Achtb:, als tot handhaving van goede Iustitie en herstelling van rust en eendragt in dee„ ze Colonie, zig provisioneel en ter nadere geëerde decisie van Uwel Edele hoog Achtb:e het prosidie in den raade van Justitie op zig te willen neemen, waar op door hem is verklaard: dat daar hij voor zoo verre hem bewust is, zig nimmer eene enkelde reize heeft ont: trokken om meeite en zorge op zich te neemen, wanneer er slegts een flaauwe hoop is geweest dat zijne pogingen tot de in deese bedoelde eindens konde Contribueeren, dog dat teffens„

NL-HaNA_1.04.02_10689_0271 view scan ↗

English

also considering the manifold occupations that have fallen to him as a Member of our Council, especially since the recently received orders in this Government, to which as many voluminous writings as are to be supplied to Your Right Honourable Worships will testify, and the importance that the matters of Justice be administered promptly and without delay, he would only proceed to provisionally accept the presidency in the Council of Justice out of a conviction of the necessity that moved us to request him to charge himself therewith, and to demonstrate that his sincere and only desire is to be of use and service to the Honourable Company in this Colony. § 79 After the undersigned Cashier took the oath as Member of Justice in our meeting at the hands of the undersigned Commander, we furthermore took into consideration that the order of affairs and the maintenance of Justice in this Colony no less required that immediate provision should also be made in filling the functions of the office of Fiscal, so singularly abandoned by the Baron van Lijnden, although he declared at our meeting of the 24th of May to have commissioned the Deputy Fiscal Mr. Johannes Andreas Truter to properly observe his office during his absence; because we considered that, for the reasons alleged herebefore, the functions attached to that office, and with which every individual in this Colony is so closely concerned, had to be entrusted to someone who, alongside proper experience and proofs of the confidence of Your Right Honourable Worships, could also add proofs of our confidence and of being worthy of that of the inhabitants of this Colony; thus, in view of the inability in which we found ourselves blindly to follow the request of the Independent Fiscal van Lijnden who departed from here, however much one must otherwise acknowledge the good conduct and capacities of the aforementioned Truter, we nevertheless decided in this singular case, and in order to do everything in our power to prevent further discontent and to revive confidence and tranquility in this Colony, to let the function attached to the office of Fiscal be observed ad interim by Mr. Jacob Pieter de Neijs, merchant in the service of the Honourable Company, who fully possesses the capacities thereto, and who, besides the trust and esteem of the inhabitants of this Colony, in which he was born and has now again resided for 8 years, also dares to appeal to the confidence of this Council, in which he was proposed by the Governor van de Graaff in the meeting of the 24th of June as a sedate, knowledgeable, and sensible man, and was also appointed senior Member in the Council of Justice, which appointment the Independent Fiscal van Lijnden declared would serve the public welfare, and who also especially dares to boast of the highly esteemed favours of Your Right Honourable Worships, who in that capacity of merchant, of which Your Right Honourable Worships had judged him worthy as Chief of Sadraspatnam, were pleased to declare him employable again in this Government. § 80 With reference to the aforementioned left-behind memorandums of the Governor van de Graaff, we take the liberty of offering an authentic copy thereof to Your Right Honourable Worships, and respectfully bringing to Your knowledge that after those memorandums were read in our meeting, the undersigned Commander expressed his surprise to us that the said Governor had not left him an instructive memorandum by which to regulate himself in the handling of affairs, and also submitted for our consideration whether he, since he had to bear the burden of the Government in the same manner as it was observed by the Governor van de Graaff, and had to observe all the same ceremonies, both on solemn occasions and at the reception of distinguished persons, whether of our own or of foreign nations, as were observed by his Honour, ought not also to have the use of the houses constructed at the expense of the Honourable Company both in the Castle and in the garden of the Honourable Company, the more so because the previous Commanders had always occupied them, and the house occupied by him, Commander, as Secunde of this Government, is too cramped even to be able to grant proper audience; § 81 thus we unanimously considered that the Governor ought not to have, nor been competent to make, any dispositions concerning these matters, being a purely domestic affair, and those dwellings shall therefore be occupied by the undersigned Commander, who the house by him as

Dutch transcription

teffens overweegende de menigvuldige bee„ „zigheeden die bij als Lidt van onzen raade voor al zints de Jongst ontfangene bevee= „len ten deesen Gouvernemente, te beurd zijn gevallen, en waar van zo veele volu„ „mineuse geschriften als aan uwel Edele hoog Achtb: te suppediteeren, zullen geluij„ „gen, en 't gewicht dat de zaaken der Justitie prompt en zonder vertraging worde gead ministreerd, hij tot het provisioneel aan„ „vaarden van 't praesidie in den raade van Justitie alleen zou overgaan, uit een overtuijging van de noodzaaklijkheid die ons heeft gemoveerd hem te verzoe„ „ken, zig daar meede te willen Chargee„ ren, en om aan den dag te leggen dat zijn est tot in dee. ien g van 14 aar dat dat ens Na dat den onderget: Cassier de wet den Eed als led van Justitie hadde afgelegd, is om de bezyden. g'allegueerde reedenen, besloten zijn oprechte en eenigste begeerte is, de Edele Maatschappij in deese Colen van nuet en dienst te kunnen zijn § 79 Na dat ter onser vergadering den onderteekende Passier den Eed als Lidt van Justitie aan handen van den on „derteekende gezachhebber had afgeled„ hebben wij voorts in overweeging genoo„ =men dat de ordre der zaaken en 't handhaaven der Justitie in deese Colona niet minder kwamen te vorderen, dat ook onmiddelijk voorzieninge wierde gedaan in het bekleeden der functien van 't ampt van Fiscaal, door den sla van Lijnden soo singulier verlaaten, schoon hij ter onzer vergadering van den ste 24ste 24=te Maij heeft gedeclareerd aan den Adjunct Fiscaal M:r Iohannes Andreas Fuiter te hebben opgedragen, om zijn ampt geduurende zijn absentie behoorlijk waar „teneemen, dewijl wij vermeenden, dat, om de hier vooren gealegueerde reedenen de functien aan dat ampt verknogt, en waar op ieder induidu in deese Colonie zo veel betrekking heeft, moest opgedragen worden aan iemand die bij behoorlijke ondervinding, en de blijken van vertrouwen van Uwel Edele Hoog Achtb=r ook konde voegen blijken van ons vertrouwen en dat der ingezeetenen, deezer Colonie waardig te zijn, zo hebben, P wij uit aanmerking van de onbevoegdheid waar te den on genoo: geno Colone de tien en shae en; anden 4 ste het fiscalaat ad interrm te laten waarneemen door Mr. Jacob Pieter de Neys waar in wij ons bevonden, omme de begeerste van den van hier vertrokkene independent Fiscaal van Lijnden blin„ „delings op te volgen, hoe zeer men ander „zints de goede Conduites en Cxpaciteiten van gem: Feuter moet erkennen, egter en dit singulier geval en om zo veel in ons was alles aantewenden om ver„ der misnoegen voortekomen, en vertron wen en rust in deeze Colonie te doen herleeven; beslooten de functie aan 't ampt van Fiscaal verknogt ad interin te laaten naarneemen door M:r Iacob Pieter de Neijs, koopman in dienst der E Comp=ie dewelke de Capaci„ „teiten daar toe volkomen, komt te bezitten„ en bij 64 d en bij het vertrouwen en achting der inge= „zeetenen deeser Colonie waar in hij is geboo- ren en nu weederom zints 8 Jaaren heeft gedomicilieerd, zig ook durft beroepen op het vertrouwen deezes raads, waar bij hij door den heer Gouverneur van de Graaff in de vergadering van den 24 Junij als een bezadig, kundig en verstandig man is voorgedragen, en ook aangesteld tot oudste Lidt in den raade van Justitie, welke aanstelling den independent Fiscaal van Lijnden heeft gedeclareerd tot welzijn van het publicq te zullen strekken, en zig ook voornamentlijk durft beroemen op de Hoog geEerde gunsten van uwel Edele Hoog Achtb=: die hem e die hem in die qualiteijt n gt veel veel ver„ vertrou en n 2 interen a4 in en de door den heer Gouverneur nage„ latene Memorie by deezen Eerbiedig overgaande qualiteit van koopman welke hoogst dezelve hem als opperhoofd van Sa: „draspatnam hadde waardig gekeur wederom ten deesen Gouvernemente emploijabel hebben gelieven te verkla „ren § 80 met relatie tot de hier vooren ver„ melde nagelaatene memorien van de heer Gouverneur van de Graaff, neem wij de vrijheid: Uwel Edele Hoog Acht Copia Authentecq denzelve aan te 6 „bieden, en eerbiedig ter Cognitie van Hoogst dezelve te brengen, dat na die Memories ter onzer vergadering zijn ge „leezen geworden, de ondergeteekende ge „zachhebber aan ons zijne bevreemding heeft, heeft betuijgd, dat gemelde Heer Gouver= „neur hem niet hadt nagelaten eene Me= „morie instructief om zich in de behande„ „ling van zaaken daar na te kunnen re= „guleeren, en teffens aan ons in Consideratie heeft gegeeven, of hij, daar hij de last van het Gouvernement zo en in diervoegen moest dragen, als hetzelve door den Heere Gouverneur van de Graaff was waargenomen, en alle dezelfde Cerimoniën moest observeeren, zo bij plegtige gelee„ gentheeden als bij de receptier van ge. distingueerde perzonen, van onze, dan wel vreemde Natiën als door zijn Edele was geobserveerd, ook niet diende te heb„ „ben het gebruijk van de huijzen die ten lasten hoog hoogst keurd te verkla en ver„ neeme Achtb te van dio zijn 9 9 ing st zyn, omtrent de woningen de Elemp: die door den onderteekende gesachhebber schikkingen gemaakt. lasten der E Maatschappij zo in 't Cas= „teel als in de thuijn der E Comp=e zijn geExtrueerd geworden, te meer daar de voorige heeren gezachhebbers dezelve altoos hebben betrokken, en het huijs door hem gezachhebber, als secunde deeses Gouvernements bewoond, te beknopt is om zelfs behoorlijk audientie te kunnen geeven; § 81 zo hebben wij een parig vermeend, dat zullen worden berdrokken de narmnegen der heere Gouverneur daar over als een Cohand pare domesticque zaak zijnde geene beschikkingen hadt behooren of vermoo= „gen te maaken, en zullen die wooningen dus betrokken worden door den onderteekende Gezachhebber, die het huijs door hem als

NL-HaNA_1.04.02_10689_0279 view scan ↗

English

that it was likewise resolved how the form of public prayers shall at present be arranged; as occupied by the Secunde, will vacate and hand over for residence to Captain-Engineer Sebastiaan Willem van de Graaff, who will also simultaneously be able to store in that house all the charters, papers, furniture, and other effects left under his care by his father, the Governor here. § 82 The undersigned Officer-in-Charge having further submitted to our consideration whether the public prayers should henceforth be conducted according to the form prescribed by the Governor, or rather as they were established in the year 1771 by circular letters from the Honorable and Master Joachim van Plettenberg, then Officer-in-Charge in the Council here; whereupon it was taken into consideration by us that in the respected missive whereby the Governor van de Graaff is recalled to the Netherlands, the power and authority to make arrangements to be observed after his departure is by no means granted to him; that it is also by no means stated therein that he, the Governor, would pass out of function, but rather with the provisional retention of his title and salary; for which reason the majority of our Council, in the absence of a special order in that regard from the left-behind Memorandum of Governor van de Graaff concerning the affair of Colonel Gordon and Captain Sandolroy, decided that in this matter the order established in the year 1771 must be followed, and thus in the form of prayers prescribed by Your Right Honorable Worships themselves, no other change should be made, except only that instead of praying for the Honorable Governor and Respectable Council of this place, prayer shall be made for the Respectable Officer-in-Charge and Respectable Council of this place. § 83 The Memorandum left to us by Governor van de Graaff containing nothing other than an order to leave the matter between the undersigned Colonel Gordon and Captain de Sandolroy, which occurred in the beginning of the year 1789, in statu quo; the undersigned Colonel Gordon, a copy having been requested by the said undersigned Gordon, declared that he could not wonder enough at the unlawful contents of that Memorandum, since the matter between him and Captain de Sandolroy is therein regarded by the Governor as an actionable matter, whereas the Governor had previously regarded it as a trifling affair; wherefore he requested that a copy of this Memorandum might be granted to him, in order to elucidate the matter to us and simultaneously to demonstrate the necessity to terminate that matter according to the orders of the Honorable Company, a refutation of that Memorandum having thereupon been submitted by His Honor, which we have the honor to present hereby to Your Right Honorable Worships, and to render a respectful and dutiful report thereof to Your Right Honorable Worships, with such remarks as would be submitted by him; and as Colonel Gordon, on the occasion that yesterday evening in an extraordinary meeting the resolutions taken by us on the 29th of June last were resumed, submitted to us a refutation of that Memorandum, as far as the shortness of time allowed him, we shall take the liberty to present the same provisionally to Your Right Honorable Worships herewith in authentic copy. Governor van de Graaff having refused to provide the customary security upon the handover of the government, no note thereof, nor of the protests of the undersigned Officer-in-Charge and Cellar Master, is to be found in the minutes. § 84 We also cannot fail, as in duty bound and with all respect, to bring to the knowledge of Your Right Honorable Worships that Governor van de Graaff, at the meeting of the 24th of June at the handover of the government, absolutely refused to provide the security of Ten Thousand Rixdollars stipulated by resolution of the High Indian Government of the 10th of July 1750; and that of this refusal, no more than of the protests which the undersigned Officer-in-Charge and Cellar Master requested to be recorded, is any annotation to be found in the minutes of this Council kept by the then already dismissed Adjunct Secretary Carel Mappa. § 85 The undersigned Dispenser having caused the attached protestations to be made in this regard to the Governor, the undersigned Dispenser having been prevented by indisposition from attending that meeting, as well as the undersigned Cashier who was bedridden, the first-mentioned learned from his fellow councilors of the aforementioned refusal of the Governor, and communicated to us in that regard that, upon learning of that refusal, the day before the Governor departed the land, he sent the sworn clerk Pieter Hendrik Faure to the Governor, and on his behalf had His Honor informed: that he, the Dispenser, had found himself prevented by indisposition from attending the meeting of Policy, but after the conclusion of the meeting had learned: that he, the Governor, had seen fit to hand over the government to the Secunde Rhenius without having previously provided the stipulated security; that he, the Dispenser, considered this to be an act in which he, as a member of the Council, was not permitted to acquiesce without rendering himself accountable to his lords and masters, and therefore obligated himself.

Dutch transcription

dat midsgd=s besloten hoedanig het Formulier der publicque gebeden als een thands zal moeten worden ingerigt als secunde bewoond, zal inruijmen en ter woon overgeeven aan den Capitain Ingenieur Sebastiaan Willem van de Graaff, dewelke ook teffens in dat huijs zal kunnen bergen alle de Chartres, Papieren, Meubilen en andre effecten die door zijnen vader den Heere Gou= „verneur alhier onder denzelven na„ gelaaten zijn. - § 82 Den ondergeteekende Gezachhebber al verder aan ons in bedenking gegeeven hebbende, of de publicque gebeeden voor„ „thaan zoude geschieden naar 't formu„ „lier door den Heere Gouverneur voorge= „schreeven, dan wel zo als dezelve in „den Jaare 1771. , bij aanschrijvingen van den Heere Cas zelve is deeses is kunnen 10 tube m als den Heere en M=r Joachim van Pletten „berg, als toen gezaghebber in den raad alhier, zijn bepaald; waar op bij ons inaa merking is genoomen dat bij de geëerbie „digde missive naar bij den Heere Gouver „vieur van de Graaff in Neederland word gerequireerd, geenzints aan hem word toegekend, de Magt en het vermogen; be„ schikkingen te maaken, om na zijn ver„ trek te worden geobserveerd; dat daar bij ook geenzints word gezegd, dat hij heere Gouverneur in feinctie zou over„ „gaan, maar wel behoudens bij provisie van zijne qualiteit en gagie, weshalven de meerderheid van onzen raad, dan ook, bij onstentenis van speciaal braaf roij den van bevel„ vande van de nagelatene Memorie van den Heere Gouverneur van de Graaff omtrent de affaire van den Coll. Gordon en den Capt:n Sandol„ bevel dien aangaande, beslooten heeft, hier in te moeten volgen de ordre in den Jaare 1771. bepaald, en dus in 't formulier der gebeeden, door uwel Edele Hoog Achtb:r zelfs voorgeschreeven, geen ander verandering te maken, als alleen dat in steede van te laaten bidden voor den Ed: heer Gouverneur en Achtbaare raad deezer plaatse, zal gebeeden worden, voor den Achtb=en Heer Gezachhebber en Achtb: raad deezer plaatse § 83 De Memorie door den Heer Gouver„ „neur van de Graaff aan ons nagelaaten, niets anders bevattende als een bevel„ om de zaak tusschen den ondergeteek=d Colonel Gordon, en den Capitain de Sandolroij 1. roij n s door den gem: ondert: Goeden Copia verzogt zynde sandolroij in 't begin van den Jaar 1789. voorgevallen, te laaten instatu„ „quo; zo heeft den onderteekende Colonel Gordon gedeclareerd, zig over de weder. „regtelijke inhoud dier Memorie niet genoeg te kunnen werwonderen, alzo de zaak tusschen hem en den Capitain de Sandolroij, door den Heere Gouver. „neur daar bij nord beschouwd als eene„ exineuse zaak, daar den Heere Gou„ eenr =verneur dezelve anders als eene beu. „zelagtige affaire heeft beschouwd; wes =halven hij verzogt dat aan hem van van deese Memorie Copia mogt werden verleend, om daar over ons te elucedeeren en teffens aan te toonen, de noodzaaklijschen om is door zyn E daarop ingediend een refutatie dier Memorie deeren die wy de Eer hebben uwel Edele Hoog Achtb: by deesen aantebieden om die zaak na e ordres der E Comp:e te ter. „mineeren, en daar van aan Uwel Edele Hoog Achtb:e eerbiedig en plichtschuldig verslag te doen; met zodanige remarques. als door hem zoude worden ingediend; en alzoo den Colonel Gerdon ter geleegend „heid dat op gisteren avond in een ex„ „tra ordinair bij eenkomst de Resolutien door ons op den 29=te Junij Jongstl: genoomen geresumeerd zijn geworden, aan ons ingediend eene refutatie dier Memorie, zo veel de kortheid des tijds hem heeft toegelaaten, zo zullen wij de vrijheid neemen UwelEdele Hoog Achtb: dezelve bij deeze in Copia Authenticq voor. loopig aantebieden— wij atu. weder lijschen den Heere Gouverneur van de Graaff gewygert hebbende de gewone cautie te stellen. is daarvan zo min als van de protesten van den ondergeteekende gezackhebber en keldermeester in de notulen geinannotatie te vinden § 84 wij kunnen ook niet afzijn UwelEd. by de overgave van 't gouvernement hoog Achtb:s plichtschuldig en eerbie„ dig ter cognitie te brengen dat den Heere Gouverneur van de Graaff ter vergadering van den 24:=te Junij bij de overgave van 't Gouvernement, vols „trekt geweigert heeft, de bij resolutie van de Hooge Indiasche Regeering van den 10 Julij 1750. bepaalde Borgtogt van Tien Duijzend Rijksdaalders te stellen, en dat van deeze weigering zo men als van de protesten die den onderteekende Gezachhebber en kelder. „meester begeert hebben, dat zouden worden aangeteekend, eenige annotatien te vinden is, bij de Notulen deezes raads, door dienderg aangan t reeden hebben diondergeteek dispencier des aangaande aan den Heere Gouverneur det nevens gevoeide pritestatien hebbende laten doen door den als toen reeds, ontslagene Adjunct secretaris Carel Mappa gehouden. - §85 de ondergeteekende dispencier door indispositie verhindert zijnde geworden die vergadering bij te woonen, zo wel als den ondergeteekende Cassier die bed„ „leegerig was, heeft eerstgem: van zijne Meederaaden de voorsz: weigering des Heere Gouverneurs vernoomen, en heeft dienaangaande aan ons gecommuniceerd, op het verneemen van die weigering, daags voor dat den heere Gouverneur van Land is gegaan, den gesw.e Clercq Pieter Hendrik Faure te hebben gezonden bij den Heere Gouverneur, en zijn Ed:e van zynent weegen laaten aanzeggen: dat hij despencier zig door den ie door indispositie verhindert heeft gevonden de vergadering van Po„ litie bijtewoonen, egter na het scheiden der vergadering had ver„ „ noomen: dat hij heere Gouverneur had kunnen goedvinden het Gouvernement. overtegeeven aan den secunde Rhenius zonder voor af de be= paalde borgtogt te hebben gesteld. — dat hij dispencier vermeende, dit een daad te zijn waar in hij, als een Lidt des laads niet vermogt te berusten, zonder zig bij zijne heeren en meesters verantwoorde. =lijk te stellen en zig over zulx. verpligt „

NL-HaNA_1.04.02_10689_0287 view scan ↗

English

obtained the aforementioned answer. found it necessary to have the Lord Governor notified— that, if His Honour persisted in his intention, namely not to provide the customary security prior to His Honour's departure, they would have to protest against this in the most solemn manner, as they wished to be neither liable nor responsible in any way, nor held as such, for the consequences that might result from this course of action— Section 86. And that upon this, the Lord Governor in substance answered the sworn clerk Faure in response: "I have already disclosed in yesterday's meeting the reasons that have moved me to take that decision, and I shall persist in that decision. Henceforth I expect no protests from the Lord of Oudshoorn, of whatever nature they might be, and I shall depart to the very beard of my Lord of Oudshoorn whenever it pleases me, and let him watch it happen." Section 87. Since the aforementioned Lord Governor has for that reason made it necessary for us to take such measures as could prevent the evasion of the established orders of Your Right Honourable and High Esteemed Worships, we have, on account of the refusal of the stipulated bail and thus also for the indemnification of the Noble Company in all that has already arisen and might still arise on account of the orders received successively recently and still to be received further, ordered the fiscal office to institute such proceedings regarding the estate left behind by the Lord Governor as the nature of the matter shall come to require. Section 88. We have also deemed it our unavoidable duty to put ourselves in a position to furnish Your Right Honourable and High Esteemed Worships with some further and more positive reports regarding the circumstances of the accusations appearing in the document submitted to our meeting by the Burgher War Council against the Independent Fiscal Johan Nicolaas Steeven van Lynden, who has departed from here, and consequently placed the said complaint in the hands of Master Jacob Pieter de Neijs, upon whom the functions of the office of Fiscal have been conferred by us, in order to examine properly the annexes submitted therewith; to cause the deponents of these statements, who are still in this country, to appear before Commissioners from the Council of Justice, and properly to re-examine and swear in all these documents, in so far as they have not yet been sworn; likewise, also to conduct a proper investigation into any accusations appearing therein against certain persons, and furthermore to act and proceed therein as the findings and the duties of the office with whose functions he has been charged shall require. Section 89. We shall not fail, in accordance with bounden duty, to submit respectfully to Your Right Honourable and High Esteemed Worships a report on the outcome of this investigation, likewise in secret letters, and reserve the opportunity on that occasion to disabuse Your Right Honourable and High Esteemed Worships of the idea to which the Lord Governor van de Graaff has tried to bring Your Right Honourable and High Esteemed Worships, as if that document could kindle the fire of the so-called Patriotism in this country. Section 90. In the meantime, we can assure Your Right Honourable and High Esteemed Worships in the most solemn manner that everything in this so precious Colony is currently at rest and peace, and that all inhabitants show their particular and grateful pleasure regarding the arrangements made by us for the administration of Justice. Section 91. Our greatest pleasure shall consist if the proceedings, of which we have respectfully rendered an account to Your Right Honourable and High Esteemed Worships herewith, may meet with the approval of Your Right Honourable and High Esteemed Worships. We commend Your Right Honourable and High Esteemed Worships and the precious interests of the Noble Company to the safe keeping of God, and call ourselves with all due Respect. Right Honourable, Respected, Highly Esteemed, Highly Wise and Prudent, Most Generous, and High Commanding Lords. Done at the Political meeting In the Castle of Good Hope the 5 June 1791. Your Right Honourable and High Esteemed Worships' most Humble, Faithful, and Obedient Servants Chenius R: J: Gordon. W. v. Reede van Oudtshoorn. P. H. le Sueur G. Gewel

Dutch transcription

gemelde Antwoord bekomen. verpligt vond, hem Heere Gouverneur te laaten aanzeggen— dat, bij aldien zijn Ed: bij desselvs voor. neemen bleef volharden, om na= mentlijk voor zijn Ed:e vertrek de gewoone Cautie niet te stellen, daar teegen op de plegtigste wijze te moe„ ten protesteeren, als in geenen deele aansprakelijk nog verantwoordelijk willende zijn, nog gehouden worden, voor de gevolgen, die uijt deeze handelwijze zouden kunnen resul„ „teeren — §: 86. En dat daar op door den Heere Gouverneur heeft daar op het bezijden aan den geswoore Clercq Faure in subs„ „tantie is geantwoord geworden „ „ Ik heeft P0. et ver„ unnen t. de zijne. gt „ „ „ „ „ „ weshalven wij aan het officie fiscaal hebben gedemandeert, om „trent de nagelatene goederen van den heer Gouverneur de nodige procedeeres te entameeren „ Ik heb reeds in vergadering van „gisteren de reedenen geopenbaard, die „ mij tot het neemen van dat besluijt „ hebben gepermoveerd, en bij dat „ besluijt zal ik blijven volharden Ik verwacht voorthaan geene „ pobtestatiën van den Heer van oudshoom, van wat aard die ook zouden mogen zijn, en. Ik zal vertrekken á la barbe van mijn Heer van Oudshoorn, wanneer het mij goeddunkt en hem dat laaten aanzien. — 87 vermits welgem:e heere Gouverneur uit dien hoofde noodzaaklijk heeft gemaakt dat door ons zodanige maat regulen S. „regulen wierden genomen als het eludee„ „ren der gestatueerde ordres van UwelEd=e Hoog Achtb: kunnen voorkomen, zo heb: ben wij ter zaake van de weigering der bepaalde borgtogt en dus meede ter schadeloos stelling van de Edele Maatschappije in al het geen uit hoofde der onlangs successivelijk ontfangene en nog nader te ontfangene aanschrij„ „vens reeds is voortgevloeid, en nog mogt komen te ontstaan, het officie fiscaal gelast omtrent de nagelaatene goe„ „deren van den Heer Gouverneur zod ani„ „ge procedures te entameren, als de aart der zaake zal komen te vorderen §. 82 Wij hebben het ook van onze onver„ mijdelijke van ook 1 dle bij het klagtschrift van den burger krijgsraad, teegen den fiscaal van Lijnden worden opgegeeven gelijk miede regens de zooannie mijdelijke pligt geacht ons in staat te stellen Uwel Ed=le hoog Achtb: eenige nadere en stelliger berichten te doen toekomen, weegens den toedragt der beij het geschrift door den Burger krijgsraad ter onzer verga„ „dering ingediend voortkoomende be= schuldigengen, teegens den zig van hier begeeven hebbende Independent Fiscaal Iohan Nicolaas Steeven van Eijnden, en derhalven 't gezegde klagtschrift gesteld in handen van M=r Jacob Pieter de Neijs, aan wien de functien van 't Ampt van Fiscaal door ons zijn opgedragen ten einde de daar bij overgelegde bijlaagen, behoorlijk te onderzoeken: de relatanten deze verklaringen, welke zig hier nog te landen bevinden, te doen Compareeren voor Gecommitt:s uit den uit den raade van Justitie en alle deeze stukken voor zo verre nog niet beëedigd zijn, behoorlijk te doen recolleeren en beEedigen, teffens, ook om behoorlijk on derzoek te doen na eenig daar in voorkoomende beschulde: „gingen teegens zommige perzoo= „nen, en daar in voorts zodaa: nig te handelen en procedeeren na als bevinding en volgens de plichten van 't Ampt waar van hem de functien zijn op gedraagen zal behooren §. 89 wij zullen niet afzijn naar schuldigen plicht uwel Edele Hoog Achtbr te dere door ga„ Johan n van tien gedragen deze Caller 1 den - van welk een en ander aan uwel Edele Hoog Acht= bij secreete letteren plichtschuldeg verslag zal norden gedaan Achtbaarens van den uitslag van dit onderzoek wederom bij secreete letteren, eerbiedig ver„ slag te doen, en seserveeren ons bij die geleegentheid u. wel Edele Hoog Achtb:r teffens te detrompeeren over t idee waar in den Heere Gou verneur van de Graaff uwel Edele Hoog Achtbaarens heef tragten te brengen, als of door dat geschrift 't vuur van 't zogenaamde Patriotis„ mus in dit Land zou kun nen worden ontstooken - §. 90 Intusschen kunnen wijs met betuijgen, dat hier thans alles in rus en vrede is. hoopende dat deeze onse verrigtingen hoogst derselver agreatie mogen verdienen „wij uwel Edele Hoog Achtbarens op het allerplegtigst verzeekeren, dat alles in deeze zoo preci„ „„euse Colonie zich thans in rust en vreede bevind, en dat alle Jngeseetenen hun bijzonder en dankbaar genoegen betonen, over de schikkingen door ons tot het administreeren van de Justitie gemaakt; §: 91 ons grootst: genoegen zal be. „staan, wanneer de verrigtingen waar van wij uwel Edele Hoog Achtb: bij deese eerbiedig verslag heb„ ben gedaan, de goedkeuring van uwelEdele Hoog Achtb:e moogen g ver uwel er un moogen negdraagen Wij beveelen UwelEdele Hoog Achtbarens en de dier baare belangens der Edele Maatschappije in de veilige hoede Godes, en noemen ons met alle verschuldigde Eerbied. — Wel Edele Erntfeste, Hoog Achtb:, Hoog hijne„ voorzienige, zeer, Genereuse, en Hoog Gebiedende Heeren. uwer de Actum ter Politicqie vergadering In't Casteel de goede Hoop den 5 Junij 1791. uwer wel Edele Hoog Achtb: zeer Ootm: Getrouw: en Gehoorz: Dienaren Chenius R: I: Gordon. Wo de eede Van Oudtshoorn. - P:V: Le Saiar G: Vewel - te Wi 09 N. 1.

← previous