Inventory 2426
Persia · 1,042 pages · 190 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
Eighth volume. 3366 3367 Register of the letters and papers arrived from Batavia, Anno 1739. 3326 to 3365. Copy reports of the master shipwrights and foremen of the ship carpenters on the island of Onrust and the equipment yard, regarding the inspection of various ships, both upon their arrival from the motherland and outer trading posts at the Batavia roadstead, and upon their departure thither. Copy report of commissioned skippers with the master shipwrights and foremen of the ship carpenters, confirmed by the Commander and Equipment Master Hugo vereyssden regarding the seaworthiness of the aforesaid two return ships. 3368. Copy sentence of the Council of Justice dated 28 February 1739, pronounced against the provisional assistant Pieter de Vries, whereby... Demonstration of the means, revenues, and expenditures, Batavia, 1738... 3486 3515 Folio 3445 to 3471. Three copy findings of the Inspector General Johannes Mattheus Cluijsenaar on the Bantam trade books, closed as of the end of August 1731, 1732, and 1733, provided with the marginal notes of the Batavia Government. 3472 to 3485. Four findings on the cargoes of the ships Noordwijkerhout, Coxhorn, Nieustad, and Leijduijn, arrived at Batavia from the motherland, insofar as they differ from their invoices and bills of lading, according to the reports appended thereto. 3486 to 3511. Seven consumption accounts of the ships 't Huijs den Zult, Voorduijn, Papenburg, Proostwijk, Coxhorn, Nieustad, and Leijduijn, with a note of the remaining provisions, and the related resolutions passed by the Governor-General and Council. 3512 to 3513. Specification of what was taken from the stores and equipment of the said seven vessels. 3514. General list of persons residing within the walls of Batavia as of the end of December 1738. 3515. List of the peoples residing outside the city and the surrounding lands of Batavia, according to the statement of the Heemraden. Folio 3516 to 3521. Proceeds of some sold Coromandel and Bengal linens. 3522 to 3548. Copy letter written by the Governor Adriaan Hendrik Smout and the Council at Macassar to the Governor-General and Council, dated 26 November 1738, along with some appendices according to a separate register bound before the same. 3549. Proceeds of 13197 lb of laundry blue and 1600 lb of refined camphor sold at Batavia on 26 March 1739. 3550. Report of special commissioners together with the Second Administrator of the west-side trade warehouses regarding a chest of porcelain which fell short in the transshipment from the ship Popkensburg into the ship De Jonge Willem. 3551. Copy document from the factors de Marre, Brouwer, and van Rykevorssel submitted to the Director-General, stating that to all appearances the aforesaid chest was shipped in error aboard the ship Hogersmilde. 3552 to 3602. Original letter written by the President and the members of the Batavia Orphan Chamber to the Assembly of the Seventeen, dated 9 April 1739, accompanied by some appendices specified on a separate register bound behind the same letter. Papers received overland from Persia. Folio 3603 to 3604. Original letter written by the Residents in Basra to the Assembly of the Seventeen, dated 10 October 1738. 3605. Copy note written by the same to the Commander and Council at Gamron, dated the end of September 1738. 3606 to 3614. Proceeds of the sold spices and other merchandise at Basra from the first of September 1737 to the end of August 1738, demonstrating the net capital and percentages achieved thereby. 3615 to 3616. Copy comparison of the debit items at Basra between Anno 1736/37 and 1737/38. 3617 to 3618. Copy letter written by the Residents at Basra to Mr. Calkoen, Ambassador to Constantinople, dated 10 October 1738. Folio 3619 to 3625. Register of the papers of the Council of Justice. 3626 to 3661. Original missive by the President and Councilors of the Council of Justice at Batavia to the Assembly of the Seventeen, dated 26 January 1739. 3662 to 3714. Specification of the criminal trials affecting the interests of the Company which have been concluded or are still pending litigation since 19 December 1737. 3715. Copy resolution of the Council of Justice dated 14 December 1737, into which is inserted an extract from the minutes of the said Council of the 10th prior, concerning the petition presented by the Advocate Fiscal Mr. Adrianus Bergsma to the Governor-General and Council for the maintenance of his office. 3716. Ditto ditto dated 22 January 1738, whereby are declared the two assumed members...
Dutch transcription
ecevard 2318 3326 1i vlingelnd Agtste deel. 3366 3367 Register der Brieven en — papieren van Batavia overgekomen Ao 1739. 3326 tot 3365. Copie rapporten van de Basen en Meesters knegts der scheepstimmerluijden op het eijland Onrust en de equippagie werf dic. wegens de visitatie van diverse scheepen so bij haar aankomst uijt het vaderland en buijten Comptoiren op de Bataviase rheede, als bij hun vertrek derwaarts. Copia berigt van Gecommitteerde schippers met de Basen en Meesterknegts der scheeps= timmerlieden, geconfirmeert bij den Com= mandeur en Equippagiemeester Hugo vereyssden wegens de bequaamheijd van voorn: twee rende Retoúurschepen. chiet= 3368 Copia Sententie van den Raad van Justitie in dato 28 februarij 1739, ten Laste van den provi¬ sioneel assistent Pieter de Vries geveld, waar bij het on a Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften l V V I. twee Pont d 23 Batavia. 1738. wesende ig onder sestigh aalders volgens ter Booc„ igheijdt eerst Inlands ux goude doop d:s Ses honisz: ge„ „den onder„ ie tse gen seer t ver elke n gen ctie lo¬ i 343 „ 3486 3515 fo: 3445 a 3471. Drie Copia bevindingen van den visitateur Generaal Iohannes Mattheus Cluijsenaar op de Bantamse Negotie boeken, gesloten onder ulto: augusto 1731, 1732 en 1733, voorsien met de Marginale aanteekeningen der Bataviase Regeering. 3472 „ 3485. vier bevindingen op de Ladingen der schepen Noordwijkerhout, Coxhorn, Nieustad en Leijduijn, uijt het vaderland op Batavia gear= riveert, in so verre deselve verschillen met derselver facturen en Cognoscementen, volgens de daar agter gevoegde rapporten. 3511. Seven Consumptie reekeningen vande Schepen 't Huijs den Zult, voorduijn, Papenburg, Proostwijk, Coxhorn, Nieustad en Leijduijn, met een notitie van de Overige provisien, ende dierwegens gevalle besluyten van Generaal en Raden. „ 3513. Specificatie van het geligte uijt den voorraad 3512 en monture van gedagte Seven bodems. Generale Lijst der menschen binnen de Muuren van Batavia woonagtig onder ult:o xb:r 1738. Lijste der volkeren buyten de Stad en de ommelanden van Batavia resideerende, nade Opgave van Heemraden. „ 3514 - 3522 „ 3551 fo. 3516 a 3521. Rendement van eenige verkogte Cormandelse en Bengaalse Lijwaten. 3548. Copia brief door den Gouverneur Adriaan Hendk Smoiet en den Raad tot Macasser aan Generaal en Raden gesz: in dato 26 November 1738, met en benevens eenige bijlagen volgens een apart Register voor 't selve gebonden. —Rendement van 13197 lb Blaauwsel en 1600 lb gerafineerde Camfur op den 26 Maart 1739 op Batavia verkogt. Rapport van expresse Gecommitteerdens benevens den Tweede Administrateur der west zijdse Negotie pakhuijsen wegens een Cas Porceleynen dewelke in 't Overschepen uijt het schip Popkens= burg in't Schip de Ionge willem is te kort gekomen. Copia Schriftuur vande Commissionanten- de Marre, Brouwer, en van Rykevorssel aan den directeur Generaal overgegeeven, houdende dat voorn: Cas na alle apparentie abusivelijk in 't schip Hogersmilde soude zijn afgescheept. 3602. Origineele brief door den President ende de 3552 3549 Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften de r twaal Pant l K V d Batavia. 1738. wesende ig onder sestigh aalders „volgens ter Booc„ gheijdt Inlands sux goude doop 310 an landen Jan 3550 „ 23 343 3615 Leeden van de Bataviase weeskamer, aan de vergadering van 17:ne geschreven in dato 9 April 1739, verselt van eenige bijlagen op een apart Register agter deselve brief ingebonden, gespecificeert. Papieren over Land uijt Persien Ontfangen. Fo: 3603 a 3604. Origineele brief door de Residenten in Bassoura aande vergadering van Seventiene geschreven in dato 10 October 1738. 3605 3614. Copia briefje door deselve aan den Gesaghebber en Raad tot Gamron in dato ult:o: September 1738. Rendement van de verkogte Specerijen en andere koopmanschappen tot Bassoura zedert primo September 1737 tot ultimo augustus 1738 met aantoning van dies behaalde Suyvere Capitalen en Per Centos. Copia vergelyk der Lastposten tot Bassoura 1736 tusschen Ao 17 23/37 en 17 3/38. 3617 „ 3618. Copia brief door de Residenten tot Bassoura aan „ 3616 - 3715 3716 den Heer Calkoen Ambassadeur tot Con= stantinopolen geschreven in dato 10 October 1738. van den Rade van Justitie tot 3625. Register der Papieren Fo: 3619 3661. Origineele Missive door den President ende 3626 „ Raden vanden Raad van Justitie tot Batavia aande vergadering van 17:ne gedateert 26 Januarij 1739. 3714. Specificatie der Crimineele processen, het intrest 3662 „ vande Comp: rakende, die zedert 19 decemb 1737 afgedaan en nog Litis pendent Syn. Copia resolutie van den Raad van Justitie in dato 14 december 1737, waar bij geinsereert Staat een extract uijt de notulen van gemelde Raad van den 10 bevorens, Concerneerende het Request door den Advocaat Fiscaal M:r Adrianus Bergsma aan Generaal en Raden gepresenteert tot mainctentie van zyn ampt. dito dito in dato 22 Januarij 1738, waar bij gede= clareert word de twee geassimeerde Leeden Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften dere twee Portuaanlel V. V 23 Batavia, 1738. wesende ng onder sestigh aalders rvolgens ter Booc„ gheijdt Inlands x goude doop ho 343 assoura t s vere aan
English
Folio 3717. 3718. Hendrik Haak and Gerrit Jan Rengers could be spared from the Council. 3721. Copy of a resolution of the date as above, with the insertion of an extract from the resolution of the Governor-General and Council of 17 January prior, to detain the Governor-elect of Coromandel, Johan Herman Theeling, in Batavia. 3722. Ditto ditto dated 19 February 1738, with the insertion of an extract from the resolution of the Governor-General and Council of the 11th prior, whereby the assumed members Haak and Rengers are dismissed from the Council of Justice. 3724. 3719 to 3720. Ditto ditto of 18 March 1738 concerning the submitted remonstrance of Mr. Willem Vincent Helvetius against the petition presented by the Advocate Fiscal to the Governor-General and Council. Ditto ditto of 2 April 1738, with the insertion of an extract from the resolution of the Governor-General and Council of 27 March 1738, whereby the Council of Justice is recommended to proceed with the completed revision in the case of the Orphan Masters and the Secretary of the aforementioned Council. 3723. Ditto ditto of 23 April 1738, whereby the Ceylon Minister Henricus Sakens was admitted in appeal with the clause of relief, inhibition, and compulsoir against Andreas Francisco Chittij. Ditto ditto of 7 May 1725, with the insertion of an extract from the resolution of the Governor-General and Council of the 6th prior, Folio 3725. whereby the Ordinary Councillor of Justice Mr. P. H. Schook is released to the Netherlands. Ditto ditto of 14 May 1738, with the insertion of an extract from the resolution as above dated the 9th prior, whereby the aforementioned Schook is continued in the Council of Justice until his departure for the Netherlands. 3726 to 3729. A writ of appeal for the Ceylon Minister Henricus Sakens against Andries Francisco Chittij. Copy of a resolution of the Council of Justice dated 25 June 1738, with the insertion of an extract from the resolution of the Governor-General and Council of the 20th prior, whereby it was approved to send the aforementioned writ to Ceylon. 3730. Ditto ditto of 11 June 1738, in which is inserted an extract from the resolution of the Governor-General and Council of the 3rd prior, whereby an extract from the letter of the Meeting of the Seventeen dated 12 September 1736, regarding the seized English brigantine the Success, was refused to the Council of Justice. 3731. Ditto ditto, of 25 June 1738, with an extract from the resolution as above dated the 17th prior, concerning the edictal citation against the alleged owners of the two female slaves claimed from Bantam, Sariba and Wadon. 3732. 3733 to 3735. Copy of the petition presented by the Orphan Masters at Batavia to the Governor-General [illegible] Folio 3736. and Council, to the end that the right and privilege of security for restitution might also be granted to them, just as the Estate Masters possess. Copy of a resolution of the Council of Justice of 9 July 1738, with the insertion of an extract from the resolution of the Governor-General and Council of the 4th prior, whereby the advice of the aforementioned Council and of the Aldermen was requested on the aforementioned request of the Orphan Masters. 3737 to 3739. Copy of the advice submitted by the Council of Justice to the Governor-General and Council regarding the aforementioned request of the Orphan Masters. 3740. Copy of a resolution of the aforementioned Council of 27 August 1738, with the insertion of an extract from the resolution of the Governor-General and Council of the 19th prior, whereby the frequently mentioned request of the Orphan Masters was rejected. 3741 to 3743. Copy of a memorial by the Council of Justice to the Governor-General and Council regarding the infliction of punishment against illicit dealers in spices, and the manner of proceeding in cases of preference and concurrence of notarial bonds and personal debts. 3744 to 3745. Copy of a resolution of the aforementioned Council of 27 August 1738, with the insertion of an extract from the resolution of the Governor-General and Council of the 19th prior, whereby they find that for the present no change shall be made concerning the punishment of the aforementioned illicit dealers, nor concerning the manner of proceeding, etc. 3746. Two dittos of 10 September 1738, with the insertion of two extracts from the resolutions of the Governor-General and Council of 26 and Folio 3747. 29 August prior, whereby they still persist in the aforementioned decision of 19 August until further orders from here. Copy ditto of the aforementioned Council of Justice of 29 October 1738, whereby the Ordinary Councillor Mr. P. H. Schook was granted leave from the Council. 3748 to 3749. Ditto ditto of 30 October 1738, with the insertion of an extract from the resolution of the Governor-General and Council of the 25th prior, annexed to an extract from the Register of resolutions of their High Mightinesses dated 8 October 1736, concerning the trial of the soldier Godfridus Stolts. 3750. Ditto ditto of 5 November 1738, with the insertion of an extract from the resolution of the Governor-General and Council of 31 October prior, confirming the taking of office of Mr. Reinier Stapel as an ordinary member of the Council of Justice. 3751 to 3752. Ditto ditto of 5 January 1739, with the insertion of an extract from the resolution of the Governor-General and Council of 30 December 1738, whereby the Orphan Masters, upon citation by the Advocate Fiscal, were relieved from delivering an extract from the private books of the deceased cashier Jan van Landschot. 3753 to 3758. Written remonstrance of the Council of Justice submitted to the Governor-General and Council against the above. 3759. Copy of the minutes of the Council of Justice dated 24 January 1739, with the insertion of an extract from the resolution of the Governor-General and Council of the 23rd prior, whereby they continue to persist in the aforementioned decision of 30 December 1738. [illegible]
Dutch transcription
Fo: 3717. 3718. 3721 3722 3724 Hendrik Haak en Gerrit Jan Rengers uijt den Raad te zullen kunnen missen. Copia resolutie van dato als voren, met insertie van een extract resolutie van Generaal en Raden van 17 Ianrij: bevorens, om den geeligeerd Gouver= neur van Cormandel Johan Herman Theeling op Batavia aan te houden. dito dito in dato 19 Febry 1738 met insertie van een extract resolutie van Generaal en Raden vanden 11 bevorens, waar bij de geassumeerde Leden Haak en Rengers uijt den Raad van Justitie zyn ontslagen. 3719 tot 3720. dito dito van 18 Maart 1738 Concerneerende de Over¬ geleeverde, Remonstrantie van Mr. Willem Vincent Helvetius tegens 't request door den Advt. fiscaal, aan Generaal en Raden gepresenteert. dito dito van 2 April 1738. met insertie van een extract resolutie van Generaal en Raden van 27 Maart 1738, waar bij den Raad van Justitie word gerecommandeert met de voldonge revisie inde saak van weesmeesteren, en den Secretaris van gemelde Raad maar voort te varen. 3723. dito dito van 23 April 1738, waar bij den Ceijlons Predikant Henricus Sakens in appel met de Clausule van relief inhibitie en Compulsoir werd geadmitteert tegens Andreas Francisco Chittij. Dito dito van 7 Meij 1725 met insertie van een extract resolutie van Generaal en Raden van den 6 bevorens „ „ fo: 3725 waar bij den Ord:e Raad van Iustitie M:r P: H. Schook na Nederland wert verlost. dito dito van 14 Meij 1738 met insertie van een extract resolutie van als boven in dato 9 bevorens waar bij bovengem: schook tot zijn vertrek na — Nederlant in den Raad van Justitie word gecontinueert 3726 tot. 3729. Een Mandament in Cas d'appel voor den Ceylons Predikant Henricus Sakens Contra Andries- Francisco Chittij. Copia resolutie vanden Raad van Justitie in dato 25 Junij 1738 met insertie van een excract re= solutie van Genrl: en Raden van den 20 bevorens waar bij is goedgevonden het bovengem: Man= dament na Ceijlon af te senden. —. dito dito van 11 Junij 1738 waar bij geinsereert is een extract resolutie van Generaal en Raden van den 3 bevorens, waar bij aan den Raad van Justitie werd geweijgert extract uyt de brief vande vergadering van Seventiene in dato 12 September 1736, nopende de aangehaalde Engelse Brigantijn de Succes. dito dito, van 25 Junij 1738, met een extract resolutie van als boven in dato 17 bevoorens — concerneerende de edictale Citatie tegens de ge= pretendeerde eijgenaars der twee van Bantam— gereclameerde Slavinnen Sariba, en wadon. 3733 „ 3735. Copia request door weesman: tot Bat:a aan Generaal Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuaanlele 1. „ Batavia. 1738. wesende ng onder sestigh aalders „volgens ter Booc„ igheijdt eerst Inlands sux goude doop honis „ a se 3431 23 ver de en 3730 3731 „ - saak le eert extract bevorens 3732 d fo: 3736 3744. „ 3745 en Raden gepresenteert, ten eijnde aan haar mede mogt werden geaccordeert 't regt en privilegie van cautie de restituendo, even als boedelmeesters hebben. Copia resolutie van den Raad van Justitie van 9 Julij 1738, met insertie van een extract resolutie van Genrl en Raden van den 4 bevorens, waar bij 't advis van gem: Raad en van Schepenen werd gevordert op het bovengem: versoek van weesmeesteren. 3737 tot 3739 Copia advis van den Raad van Justitie aan Generaal en raden wegens 't vorengem: versoek van wees= meesteren overgegeeven. 3740 „ — Copia resolutie van gem: Raad van 27 aug: 1738. met insertie van een extract resolutie van Generaal en Raden van den 19 bevorens, waar bij 't meergem: versoek van weesmeesteren is afgeslagen. 3741 „ 3743. Copia vertoog door den Raad van Justitie aan Genrl: en Raden nopens de strafoeffening tegens de mons= handelaars in specerijen, en de maniere van procedeeren in Cas van preferentie en Concurrentie van Nota¬ riale Obligatien en personeele schulden. Copia resolutie van gem: Raad van 27 Aug: 1738, met insertie van een extract resolutie van Genrl: en naden van den 19e bevorens, waar bij deselve verstaan, dat voor als nog geen verandering omtrent de Straf oeffening van bovengem: Morshandelaars, nogte om= trent de manier van procedeeren &c. zal werden gemaakt. „ 3746. Twee ditos van 10 Septemb: 1738 met insertie van twee extracten uijt de restn. van Genrl: en Raden van 26 en fo3 - 29 aug:s bevorens, waar by deselve als nog bij bovengem: besluijt van 19 aug: persisteeren tot nader Ordre van hier. Copia dito van gem: Raad van Justitie van 29 Oct: 1738 waar bij den Raad Ord: M:r P: H: Schook afscheijd uyt den Raad werd gegeeven 3748 a 3749. Dito dito van 30 Octob: 1738, met insertie van een extract ieder resolutie van Genrl: en Raden van den 25 bevorens annex een extract uijt het Register der resolutien van pagie haar Ho:Mo: in dato 8 Octob: 1736, Concerneerende het proces van den Soldaat Godfridus Stolts. „ — dito dito van 5 November 1738, met insertie van een extract resolutie van Generaal en Raden van 31- October bevorens, waar bij consteert de optreding van M:r Reinier Stapel als ord:s Lidinden Raad van Iustitie. 3751 „ 3752: dito dito van 5 Januarij 1739. met insertie van een extract resolutie van Generaal en Raden van 30 — decemb: 1738, waar bij weesmrn: op de Citatie vanden Adv:t Fiscaal gereleveerd werden van 't afgeven van een extract uyt de particuliere boeken vanden overleeden Cassier Ian van Landschot. 3753 „ 3758 Schriftelijke remonstrantie van den Raad van Justitie aan Generaal en Raden tegens t bovenstaande ingediend. 3759 „ — Copia notul van den Raad van Iustitie in dato 24 Ianny 1739 met insertie van een extract resolutie van Genrl: en Raden van den 23 bevorens, waar bij deselve bij het bovengemelde besluijt van den 30 decembr: 1738 blyven persisteeren. — de ij Genrl fo. 3747. op aal 3750 t: dmons= ocedeeren ta= t den - der twee Portureakelen K V Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften „ Batavia. 1738. wesende ng onder sestigh daalders rvolgens ter Booc„ igheijdt eers Inlands Crix goude doop thonisz: ge„ bij den onder„ asen va 29 nd - 3431 23
English
8th Batavia Statement of the resources, revenues, and expenditures of the two Portuguese churches. No. 13. Copy of reports from the master shipwrights and foremen, both on the island of Onrust and at the naval dockyard here; also some further reports from the Commander and Master of Equipage, together with expressly appointed ship captains, concerning the inspection carried out and findings on various vessels upon their arrival at this roadstead, both from the Motherland and from the respective trading posts of India, and on their departure thither. Statement of the resources, revenues, and expenditures of the two Portuguese churches of this region. Anno 1738, being 60 rix-dollars. First, native... gold baptismal piece... 6 rix-dollars... 343, 23. By order of His Right Honorable, the noble, highly esteemed Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, and the Honorable Lords Councillors of the Dutch East Indies, we, the undersigned, have proceeded on board the vessel Mijenberg, lying in this roadstead and recently planned to sail via Makassar to Amboina. We have thoroughly inspected the same in all parts and found, following the repair work recently carried out thereon, as shown by the attached findings of the master shipwright on the island of Onrust and his foreman, as well as the ship's officers under date of 26 October last, that it is throughout firm and strong in the connections of beams, clamps, and knees, so as to be able to sail without defect. Consequently, subject to the correction of Your Right Honors' much wiser judgment, we consider that vessel fully in condition, with the help of God, to undertake its already planned voyage safely with such goods and merchandise as Your Right Honors shall be pleased to order. Wherewith, with the very deepest respect and highest esteem, we remain, underneath was written, Your Right Honors' very humble and faithful servants, was signed, A. Everaerts, A. Ruijter, A. Batersveld, C. Wallen, Gregoor Gijsepijl, Jacob van Overbeek, M. De Bruijn. In the margin, Batavia, 4 November 1738. Below, I hereby confirm this, was signed, H. Verijsel. To His Right Honorable, the noble Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, together with the further Honorable Lords Councillors of the Dutch East Indies. Right Honorable, esteemed, commanding Lord and Lords, By order of the Commander and Master of Equipage Hugo Verijsel, we, Cornelis Vogel, master, Arij Jansz Moleveld, first foreman, and Cornelis van Leuwen, second foreman of the shipwrights, proceeded on board the ship Mijenberg, lying discharged here at the island of Onrust, recently arrived from Zeeland, together with the officers appointed thereto, namely: Skipper Abraham Everaats, First Mate Joris van der Houdstrate, Second Mate Louwereijs de Waterman. Pursuant to the esteemed directive of the Right Honorable Lords Seventeen from the Motherland, dated 24 February 1730, we have carefully inspected and examined the vessel in all parts, and found it throughout to be reasonably sound in its joints considering its age. Yet, with Your Right Honors' approval, it will be necessary to perform repairs on that vessel, as is respectfully indicated below, namely: The mainmast, The same, topmast, The mizzen topmast, Eight gun ports, The double sheathing for a large part, to be renewed, Furthermore, caulking, burning, and greasing inside and out. This is what, Right Honorable Lord and Lords, we, the undersigned, have found and observed on that vessel; and after said repairs have been completed, that vessel would be safely in condition to sail whithersoever Your Right Honors shall be pleased to plan for the aforementioned vessel. While with deep and dutiful respect we remain, underneath was written, Right Honorable, esteemed, commanding Lord and Lords, below, Your Right Honors' humble and faithful servants, was signed, Cornelis Vogel, A. Moleveld, C. van Leuwen, A. Everaarts, J. van der Houtstrate, L. De Waterman. In the margin, Onrust, 26 October 1738. To His Right Honorable, the noble and highly esteemed Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, and... Statement of the resources, revenues, and expenditures of the two Portuguese churches of this region. Anno 1738, being 60 rix-dollars. First, native... gold baptismal piece... 6 rix-dollars... 343, 23. February 1730, carefully inspected and examined in all parts, found the same throughout to be reasonably sound in its joints considering its age; yet, with Your Right Honors' approval, it will be necessary to perform repairs on that vessel, as is respectfully indicated below, namely: The mainmast, The same, topmast, The mizzen topmast, Eight gun ports, The double sheathing for a large part, to be renewed, Furthermore, caulking, burning, and greasing inside and out. This is what, Right Honorable Lord and Lords, we...
Dutch transcription
8:e Batavia Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portureelele k k No. 13. Copia Berigten, van de Basen en meesterknegts der scheepstimmerlieden So op het Eijland Onrust. als de Equipagie werf alhier item eenige nadere berigten van den Commandeur en Equipagiemeester, nevens expresse Gecommitteerde schippers weegens de Gedane visitatie en bevinding van diverse Scheepen op haar arrivement te deser Rheede so uijt het Vaderland als van de respective Comptoiren van India en bij hun aanleg derwaards. ter Booc„ igheijdt rvolgens 23 teen ƒ lelte Batavia. 1738. wesende ng onder sestigh daalders eerst Inlands 3 Trix goude doop xd:s Ses thonisz: ge„ „ den onder„ 8 343 — rd:s der twee Portuaeeschen Kerkan deezer lanbel Ter ordre van sijn hoog E„ „delheijt Den wel edelen - groot Agtbare Heere — Adriaan Valckenier gouverneur Generaal - Ende D Edele heeren Raden van Nederlands Jndia hebben wij ondergetekendens ons vervoegt op de ter deser rlede leggend Jongst over Maccasser, naar Am Boina geprojecteerde bodem Mijenberg mitsgaders 't selve alomme Exactelyk gevisenteerd ende bevonden deselve na de Jontjs daar aangedaane vertimmering blijkens annexe„ bevinding van den baas der scheeps timmerlieden op het eijland onrust nevens zijne meesterknegt Jtem de scheeps overheden sub dato 26 des Jongst verstrekene, maand october doorgaans, hegt ende sterk Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften 3326 sestigh daalders rvolgens ter Booc„ righeijdt eerst Inlands en stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ byden onder„ ng onder Ao 1738. wesende Batavia, 343 23 sterk, in verbintenissen van balken, banden ende knies te sijn om sonder manquement te kunnen varen over sulx dat wij onder Correctie van u hooged=s veel wijser oor„ „deel, die bodem volkomen in staat agten, om onder de hulpe van god sijn, reets geprojecteerde reijse geruste „lijk te kunnen ondernemen, met sodanige waaren en Coopmanschappen als uw hoog Ed:s sullen gelieven te ordonneeren— waer mede wij met de alder uijterste eerbied en hoog verte agting blijven /:onderstond:/ uw hoog Edelens gants onderdanige en Trouwschuldige Dienaren /:was getekent/ A„n Everaents, A ruijter — A batersveld, C=s wallen (gregoor Cgijsepijl Jacob van overbeek M De Bruijn /in margine/ Batavia Den 4 November 1738. lager / hier mede Confirmere ik mij was get:/ H verijsel Aan sijn hoog edelheijt Den — wel Edelen Heere Adriaan Valckenier gouverneur Generaal mits „gaders de verdere edele heere raden van nederlands Jndia hoog edele agtbaare gebiedende heere zn heeren ter ordre van den Commandeur en equipagie m=s — hugo verijsel, hebben wij Cornelis vogel, baas— Arij Jansz moleveld eerste en Cornelis van leu¬ „wen, twede meesterknegt der scheeps timmerlieden ons vervoegt aan t boord van 't alhier ten eyland onrust ontlost, leggende Jongst, uijt Zeeland aangekomene schip mijenbergh, het selve, benevens de daar op beschijdene officcieren met namen schipper Abraham E veraats Joris van Der houdstrate opperstuurman _=o Louwereijs de waterman onder jngevolge, het ge eerde aenschrijvens van de hoog ede„ „le heeren, seventiene uyt het patria de dato 24 febri Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuaealsehen kurknen deazen bel 3327 sestigh daalders rvolgens ter Booc„ tigheijdt eerst Inlands en stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ lijden onder„ ng onder Ao. 1738. wesende Batavia, 343 23 s de ste februarij 1730 naaukeurig over al gevisi— teerd ende besigtigt, het selve bevonden deurgaens redelijk jn verbintenisse te sijn naa zijne jaaren edog sal met believen van uw hoog edelens noodsakelijk aan dien bodem vertimmert moeten werden, het gene hier onder eerbiedig werd aangewesen namentlijk — De groote mast „ _=o steng - - - - --- te vernieu„ „kruijsteng agt geschut poorte - - - - - - - - - de dubbelde luijt voor een groot gedeelte voorts binnen en buijten Calfaate— brande en smeeren – - -– wen Dit is het geene hoog edele heere en heeren dat wij dat wij ondergtekendens op dien bodem bevonden en— ontwaart, hebben en na welkers gedaane vertimme„ ring soude dien bodem gerustelijk instaat wese omme te varen werwaarts, uw hoog edelens op gem: bodem, sullen gelieven te projecteeren ter „wijl met diep schuldig respect verblijve — /onderstond/ hoog edele agtbare gebiedende hee ReEn Heeren /:lager:/ uw hoog Edelens onderdanige en Trouw schuldige Die „naren /was getekend/ Cornelis vogel — Hs meuleveld Cs. vn Leuwen Am. everaarts J:s v D Houtstrate L De waterman — /:in margine/ onrust Den 26 october 1738 Aan sijn hoog edelheijt den wel edelen groot agtb: heere Adriaan Valckenier gouverneur Generaal Ende Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuaealehen kinkna dearenbl 3328 sestigh daalders rvolgens ter Booc„ tigheijdt eerst. Inlands en stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bijden onder„ tij0 ng onder Ao. 1738. wesende Batavia, 3431 23 ronder februarij 1730 naaukeurig over al g teerd ende besigtigt, het selve bevonden redelijk in verbintenisse te sijn naa jaaren edog sal met believen van hoog edelens noodsakelijk aan die vertimmert moeten werden, het gena eerbiedig werd aangewesen namentlijk — De groote mast „ _=o steng - - - - - - - „kruijsting - - - - - - agt geschut poorte - - - - - - - - - de dubbelde huijt voor een groot gedelt voorts binnen en buijten Calfaat brande en smeeren Dit is het geene hoog edele heere en dat wij
English
that we the undersigned have found and observed on that vessel, and after the completion of whose refit that vessel would securely be in a state to sail whithersoever Your Noble Excellencies shall be pleased to project for the said vessel, while remaining with deeply indebted respect underneath, Noble, Honorable, Rulers, Gentlemen lower, Your Noble Excellencies' humble and faithfully indebted servants was signed Cornelis Vogel, Hs Meuleveld, Cs vn Leuwen, Am Everaarts, Js v D Houtstrate, L De Waterman in the margin, Onrust, the 26 October 1738 To His Noble Excellency, the Honorable and Grand Most Respectable Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, and Demonstration of the means, revenues, and expenditures of the two Portuguese churches, etc. 3328 b Batavia, Anno 1738, being [illegible] sixty thalers subsequently [illegible] first native a piece of gold christening rixdollars six [illegible] with the under [illegible] 343 23 and the Noble Lords Councilors of Netherlands India. Noble Honorable Ruling Lord and Gentlemen, Upon the esteemed order of Your Noble Grand Most Respectable, we the undersigned have betaken ourselves to and aboard the ships lying here in these roads, recently, among others, destined for the Fatherland, namely Rooswijk and Buregnies for the Presidial Chamber Amsterdam, Westcappel and Loverendaal for the Chamber Zeeland, as well as Westerbeek for the Chamber Hoorn and Enkhuijsz, thoroughly inspected the same everywhere, and found those vessels generally solid and strong in the connections of beams, ties, and knees; but, with the pleasure of Your Noble Grand Most Respectable, it is necessary to renew and repair thereon what is expressed in the annexed findings of the master shipwrights and one of their foremen, both here and on the island of Onrust, Onrust, with and alongside the ship authorities, dated 24 October past, 3, 12, and 17 of this current month; after the execution of which, those vessels shall be fully in a state to be able, with the help of God, securely to undertake the already projected journey with such goods and merchandise as Your Noble Grand Most Respectable shall be pleased to order. This is what, Noble Grand Most Respectable Lord and Gentlemen, we the undersigned know to report concerning those vessels, wherewith we hope to have satisfied the esteemed intention of Your Noble Grand Most Respectable, so we, with deeply indebted reverence and awe, remain underneath, Noble, Ruling Lord and Gentlemen lower stood, Your Noble Excellencies' obedient servants was signed C: Damme, v: v: D Caag, Js Verlengh, Sr. Hendrik G, v d, Tollen, Cge. Pijl, Jb v: Overbeek, Ms D' Bruijn in the margin Batavia, the 24 November 1738 still lower, Herewith I confirm was signed H Verijsel To Demonstration of the means, revenues, and expenditures of the two Portuguese churches [illegible] 3329 sixty thalers subsequently [illegible] first native a piece of gold christening rixdollars six [illegible] with the under [illegible] Anno 1738, being Batavia. 343. 23 [illegible] Zeeland [illegible] solid and strong [illegible] island To His Noble Excellency, the Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, together with the other Noble Lords Councilors of Netherlands India. Noble Honorable Ruling Lord and Gentlemen, By order of the Commander and Equippage Master Hugo Verijsel, we, Claas Gijse Pijl, master, Jacob van Overbeek, first, and Matthijs de Bruijn, second foreman of the shipwrights, have betaken ourselves aboard the ship Rooswijk, lying discharged here in the roads, recently arrived from the Fatherland, the same, together with the officers appointed thereto, namely: Jacobus Verleng, skipper Casparus Eijsbragt, chief mate Cornelis Salomonsz, second mate and the ship's carpenter Jan Middelhuijs, pursuant to the esteemed missives from the Fatherland dated 24 February 1730, thoroughly inspected and surveyed everywhere, and found the same generally new, solid, and strong in connections, and lacking nothing thereon except only: to renew: the bowsprit main top-yard topgallant-yard; furthermore, caulking, burning, and graving inside and outside. This is what, Noble Lord and Gentlemen, we the undersigned have found and observed on that vessel, which we could, if required, further confirm by oath, while remaining with deeply indebted respect underneath, Noble Grand Most Respectable Lord and Gentlemen lower, Your Noble Excellencies' humble and faithfully indebted servants was signed Cs Gijse Pijl, Js vr Overbeek, Ms. De Bruijn Demonstration of the means, revenues, and expenditures of the two Portuguese churches [illegible] 3330 sixty thalers subsequently [illegible] first native a piece of gold christening rixdollars six [illegible] with the under [illegible] Anno 1738, being Batavia, 343 23 [illegible] Ms De Bruijn, Jn Verleng, C Hilbraght, Jn Middelhuijs in the margin Batavia, the 24 October 1738 To His Noble Excellency, the Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, together with the other Noble Lords Councilors of Netherlands India. Noble Honorable Ruling Lord and Gentlemen, By order of the Commander and Equippage Master Hugo Verijsel, we, Claas Gijze Pijl, master, Jacob van Overbeek, first, and Matthijs de Bruijn, second foreman of the shipwrights, have betaken ourselves aboard the ship Buregnies, lying discharged here in the roads, recently arrived from the Coast of Coromandel, the same
Dutch transcription
dat wij ondergtekendens op dien bodem bevonden en ontwaart, hebben en na welkers gedaane vertimme„ ring soude dien bodem gerustelijk jnstaat, wese omme te varen werwaarts, uw hoog edelens op gem: bodem sullen gelieven te projecteeren ter „wijl met diep schuldig respect verblijve — /onderstond/ hoog edele agtbare gebiedende hee Rezn Heeren /:lager:/ uw hoog Edelens onderdanige en Trouw schuldige Die „naren /was getekend / Cornelis vogel — Hs meuleveld Cs vn Leuwen Am everaarts J s v D Houtstrate L De waterman— /:in margine / onrust Den 26 october 1738 Aan sijn hoog edelheijt den wel edelen groot agtb: heere Adriaan Valckenier gouverneur Generaal Ende Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuaeelese kinken een 3328 b Batavia, Ao. 1738. wesende ng onder sestigh daalders rvolgens ter Booc„ igheijdt eerst Inlands en stux goude doop Rgod:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343 23 Ende Edele Heeren Raden van Nederlands Jndia — Hoog Edele gebiedende Heere En Heeren op de g' Eerde ordre, van uw hoog edele groot agtb: hebben wij ondergetekendens ons vervoegt aan en op den ter deser rhebe sijnde jongst onder, meerder, naer het patria angelegde scheppen als rooswijk en Buregnies voor de prediciale kamer amster „dam westCappel en loverendaal voor de Camer Zeeland mitsg=s westerbeek voor de Camer Hoorn en Enkhuijsz deselve al omme naauwkeurig gevisenteerd en bevonden die bodems, doorgaans hegt en sterk in verbin„ tenissen van balken banden ende knieste zijn e„ „dog diend met believen van uw hoog edele groot agtb: daer aen noodsakelijk vernieuwt ende gerepareert te werden 't gunt uijtgedrukt, staat, bij de annexe bevin„ „dings van den baasen der, scheeps Timmerlieden en een haare meesterknegts soo alhier als ten eijlande onrust onrust met en benevens de scheeps overheden, subdatis 24. 8ber: J=o leeden 3: 12. en 17 deser lopende maand— naer welkers, verrigting die bodems, volkomen jnstaet sijd sulken sijn om onder de hulpe van god de reets ge„ „projecteerde rijse gerustelijk te kunnen ondernemen met sodanige waaren en Coopmanschappen als uw hoog edele groot agtb sullen gelieven te ordonnere Dit is het gene hoog oedel groot agtb heere en heren dat wij ondergetekendens van die bodems weten te berigten waer mede wij verhoopen aen de g'eerde Jntentie van u hoog edel groot agtb te hebben— voldaan des wij met diep schuldig eerbied en ontsag blyven /:onderstond/ Hoog edl: gebiedende heere en Heeren /:lager stond /: uw hoog ed=s g' hoorsamen — Dienaren (was getekent C: Damme, v: v: D Caag, Js verlengh Sr. Hendrik G, v d, Tollen Cg=e. pijl J=b v: overbeek M=s D' Bruijn /in margine Batavia den 24 novemb: 1738 nog lager/ hier mede Confirmerenk mij /wat getekend/ H verijsel Aan Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuaeel korken dar 3329 Sestigh daalders rvolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands en stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ ng onder Ao. 1738. wesende Batavia. 343. 23 ster Zeeland huijs verbin„ e„ agtb: in„ ijlande Aen sijn hoogedelheijt Den wel edelen Heere— Adriaan Valckenier gou„ verneur Generaal mitsgaders de verdere edele heeren Ra„ Den van Nederlands Jndia hoog edele agtb: gebiedende Heere en heren ter ordre van den Commandeur en equipagie m=r Hugo verijsel hebben, wij Claas gijse pijl baas Jacob van overbeek eerste en Matthijs De bruijn twede meesterknegt der scheepstimmerlieden ons vervoegt aan t boort van't alhier ter rhede ontlost leggende Jongst uijt het vaderland aangekomene schip Rrooswijk, het selve benevens de daar op beschijdene officieren, met namen Jacobus verleng schipper Casparus Eijsbragt. . . opperstuurman do Cornelis Salomonsz: onder enden scheeps Timmerman Jan Middelhuijs jngevolge ingevolge de g'eerde aanschrijvens uijt het patria de dato 24 feb=rj 1730 naauw keurig over al gevisiteerd en de besigtigt, het selve bevonden deurgaans nieuw hegt ende sterk, in verbintenissen te sijn ende daaraan niets manquerende, is als Eenelijk — de boegspriet. . . . .. 7 groot marse rhaa. - - - te vernieuwen. — _o bramseijl rhaa . . -. voors binnen en buijten Calfate branden en sineeren Dit is, het geene, hoog Edele heere en heeren dat wij ondergetekendens op dien bodem, boevonden en ont„ „waart hebben, het gunt wij des gerequireerd wer„ „dende nader, met ede soude kunnen bevestigen ter„ wijl met diep schuld: respect verblijven /onderstond/ hoog Edele groot agtb: heere en heeren /lager/ uw hoog edelens onderdanige en trouw schuld=e En Dienaren /was getek:/ C=s gijse pijl J=s v:r overbeek Ms. De Bruijn Demonstratie der middelen Inkomsten en uijtgifften der twee Portuceale k kouder 3330 Sestigh daalders rvolgens ter Booc„ nigheijdt eerst— Inlands en stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ ng onder A. 1738. wesende Batavia, 343„ 23 huijs M:s D=e Bruijn J=n verleng Chilbraght J:n Middelhuijs /in margine/ Batavia den— 24 october 1738 Aan sijn hoog edelheijt Den wel edelen Heere Adriaan Valckenier gouverneur Generaal mits„ gaders De verdere Edele Heeren Raden van Neder¬ Lands Jndia hoog edele agbaare gebiedende Heere en Heeren ter ordre van den Commandeur en equipage m=r Hugo verijsel hebben wij Claas gijze pijl baas Jacob van overbeek eerste en matthijs De Bruijn, twede meesterknegt der scheeps Timmerlieden ons vervoegt aan T boord vant alhier ter rhede ontlost leggende Jongst van de Cust Cormandel aangekomene schip buregnies het selve
English
the same, together with the officers appointed thereto, by name Regter van der Caag, skipper Harmanus van der Heijde, chief mate Harmanus Koek, second mate and the ship's carpenter Claas Distelhuijsen, pursuant to the honored letter of instructions from the Right Honorable Lords Seventeen from the fatherland, dated 24 February 1730, thoroughly inspected and examined throughout, having found the same throughout to be new, solid, and strong in its framing, and lacking nothing other than solely to place some pieces in the sheathing, to renew the fillings in the hold, furthermore, inside and outside, to caulk, burn off, and grease. This is what we, the undersigned, have found and observed on the vessel, which, if required, we would be able to confirm further under oath; while with deep dutiful respect Demonstration of the means, revenues, and expenditures Verkouder 3331 Anno 1738. being under sixty rix-dollars subsequently at the Booc first Native a piece of gold baptismal Rix-dollars Six thonisz at the under Batavia 343 23 of the two Portuguese respect we remain / below was written: / Right Honorable, Venerable, Ruling Lords / lower: / Your Right Noble's humble and faithfully devoted servants / was signed: / Co. Ge. Pijl, Jacob van Overbeek, Master Dl. Bruijn, R. V. D. Caag, Hs. van der Heijde, Hs. Koek, Cs. van Distelhuijsen. / in the margin: / Batavia, the 17 November 1738. To His Right Nobility, the Right Noble Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, as well as the other Noble Lords of the Council of of the Netherlands Indies. Right Honorable, Venerable, Ruling Lord and Lords, by order of the Commander and Master of Equipage Hugo Verijsel, we, Cornelis Vogel, master carpenter, Arij Jansz Meuleveld, first, and Cornelis van Leuwen, second master's assistant of the shipwrights, have betaken ourselves on board the ship West Cappel, recently arrived from Zeeland and lying here discharged at the island of Onrust, the same, together with the officers appointed thereto, by names: Gerrit van der Tolle, skipper, Willem van Westveenen, chief mate, Jan Kakelaar, second mate, pursuant to the honored letter of instructions from the Right Honorable Lords Seventeen, from the fatherland, dated 24 February 1730, thoroughly inspected and examined throughout, having found the same throughout to be reasonably in its framing, Demonstration of the means, revenues, and expenditures of the two Portuguese Verkouder 3332 Batavia, Anno 1738. being under sixty rix-dollars subsequently at the Booc first Native a piece of gold baptismal Rix-dollars Six thonisz at the under 343 23 to be according to its years, yet, by the good pleasure of Your Right Nobles, the following will necessarily have to be repaired on that vessel, as is respectfully indicated hereunder, namely: to renew the mainmast, bowsprit, nine gunports, furthermore, inside and outside, to caulk, burn off, and grease. This is what we, the undersigned, have found and observed on that vessel, and after which repair has been done, that vessel would safely be in a condition to sail whithersoever Your Right Nobles shall be pleased to design for the aforesaid vessel; while with deep dutiful respect we remain / below was written: / Right Honorable, Venerable, Ruling Lord and Lords / lower: / Your Right Noble's humble and faithfully devoted ser- vants, G. vants / was signed: / Cs. Vogel, As. Meulevelt, Cs. van Leeuwen, G. v. d. Tolle, W. van Westrenen, Jn. Kakelaar / in the margin: / Onrust, the 3 November 1738. To His Right Nobility, the Right Noble Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, as well as the other Noble Lords of the Council of the Netherlands Indies. Right Honorable, Venerable, Ruling Lord and Lords, by order of the Commander and Master of Equipage Hugo Verijsel, we, Claas Geijsz. Pijl, master, Jacob van Overbeek, first, and Mathijs de Bruijn, second master's assistant of the ship- wrights, have betaken ourselves on board the ship Loverendaal, recently arrived from the fatherland and lying here discharged in the roadstead, Demonstration of the means, revenues, and expenditures 23 3333 Batavia, Anno 1738. being under sixty rix-dollars subsequently at the Booc first Native piece of gold baptismal six thonisz at the under 343 repair lying the ship Loverendaal, the same, together with the officers appointed thereto, by names: Samuel Hendriksz, skipper, Cornelis Stevens, chief mate, and the ship's carpenter Steven Stevens, pursuant to the honored letter of instructions from the Right Honorable Lords Seventeen, from the fatherland, dated 24 February 1730, thoroughly inspected and examined throughout, having found the same throughout to be new, solid, and strong in its framing, and lacking nothing other than solely inside and outside, to caulk, burn off, and grease. This is what we, the undersigned, have found and observed on that vessel, which, if required, we would be able to confirm further under oath; confirm; while with deep dutiful respect we remain / below was written: / Right Honorable, Venerable, Ruling Lord and Lords / lower: / Your Right Noble's humble and faithfully devoted servants / was signed: / Claas Geijse Peijl, Jb. van Overbeek, Ms. de Bruijn, S. Hendricksz, Cs. Stevens, Steven Stevense, Fs. Coeijspennink. / in the margin: / Batavia, the 12 November 1738. To His Right Nobility, the Right Noble Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, as well as the other Noble Lords of the Council of the Netherlands Indies. Right Honorable, Venerable, Ruling Lord and Lords, by order Demonstration of the means, revenues, and expenditures the 4 two Pr 23 3334 sixty rix-dollars subsequently at the Booc first Native A piece of gold baptismal Rix-dollars Six thonisz at the under under Anno 1738. being Batavia, 3431 together with
Dutch transcription
het selve, benevens daar op bescheijdene officieren met name regter van der Caag schipper - harmanus van der heijde opperstuurman _=o harmanus koek onder en den scheeps timmerm: Claas distelhuijsen ingevolge het g'eerde aanschrijvens van de hoog edele heeren seventienen uijt het patria de dato 24 feb: 1730 naauw keurig over l gevi„ siteerd ende besigtigt, het selve bevonden deurgaans nieuw hegt ende sterk in verbintenisse te sijn ende daar aan niets manqueerende, is als eenelijk enige stukken in de dubbelhuijt te setten de vullingen int ruijm te vernieuwen voorts binnen en buijten Calvaten branden en vermeeren Dit is het geene hoog edele heere en heeren dat wij onder„ getekendens op den bodem bevonden en ontwaart hebbe het gunt wij des gerequireerd werdende, nader met eede souden, kunnen bevestigen terwijl met diep schuldig respect Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften Verkouder . 3331 Ao. 1738. wesende „ng onder sestigh daalders rvolgens ter Booc„ tigheijdt eerst. — Inlands een stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ biy den onder„ Batavia. 343. 23 der twee Portuaeasche nie respect verblijven / onderstond:/ Hoog Edele agtbaare gebiedende heeren heeren /lager uw hoog Edelens onderdanige En Trouw schuldige Dienaren /was getekend/ Co. ge. pijl, Jacob van overbeek M=r. Dl. Bruijn V, V, D, Caag H=s van Der heijde —— H=s. Koek Cs. van Distelhuijsen - /in margine/ Batavia den 17 9ber: 1738 Aan sijn hoog edelh=t Den wel edelen Heere Adriaan Valckenier gouverneur Generaal en— Mitsgaders De verdere Edele heeren Raden van van Nederlands Jndia hoog edele agtbaare gebiedende heere en Heeren ter ordre van den Commandeur en equipagie m=s hugo verijsel hebben, wij Cornelis vogel baasarij Jansz molereld eerste en Cornelis van leuwen, twede m=r kuaij der scheeps Timmerlieden ons vervoegt aan t boord van t alhier ten eijland onrust ontlost leggende Jongst van Zeeland aangekomene schip west Cappel het selve, benevens de daar op bescheijdene officieren, met naamen — schipper Gerrit van der Tolle willem van westveenen opperstuurm: _=o Jan kakelaar. - - - - onder jngevolge, het g'eerde aanschrijvens van de hoog edele heere seventhienen, uijt het patria dato 24 feb=r 1730 naaukeurig over al gevisiteerd en de besigtigtigt het selve bevonden deurgaans redelijk in verbintenissese sijn Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuaealese Verkentdar 3332 Batavia, Ao. 1738. wesende „ng onder sestigh daalders rvolgens ter Booc„ nigheijdt eerst— Inlands en stux goude doop zijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343„ 23 sijn, na zijnen jaaren edog sal niet believen van uw hoog edelens noodsakelijk aen dien bodem vertin„ mert, moeten, werden, het gene hier onder eerbiedig werd aangewesen, namentlijk de groote mast boeg spriet te vernieuwen nege geschut poorte voorts binne en buijten Caelfaten branden en smeeren dit is, het gene hoog edel, heereen heeren dat wij onde getekendens op dien bodem bevonden en ontwaart hebben en na welkers gedaane vertimmering soude dien bodem gerustelijk jn staat wesen omme te vare werwaarts uw hoog edelens op gem: bodem sullen gelieven te projecteren terwijl met diep schuldige respect verblijven /onderstond:/ hoog edele agtbaare gebiedende heere En Heeren (lager/ uw hoogede„ Lens onderdanige en Trouw schuldige Die„ haren G. Naren :/was getekent:/ Cs vogel A:s meulevelt C=s. v=n Leeuwen, q, v. D, Tollen, W, v„n westrenen yn7 J=n Kakelaar /in margine / onrust den 3 9ber 1738 Aan sijn hoog Edelheijdt — Den wel Edelen Heere Adriaan Valckenier— Gouverneur Generaal mits„ gaders De verdere edele heeren t Raden van Nederlands Jndia- hoog Edele agtbaare gebiedende heere En Heeren ter ordere van den Commandr en equipagie in: hugo verijsel hebben wij Claas Geijsz: Pijl baas Jacob van overbeek eerste en Mathijs De Bruijn tweede mn:' knegt der scheep Timmerlieden ons vervoegt aan 't boord van 'T alhier Ter rhede ontlost leggende jongst uijt het vaderland aangekomene Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften k l tuaeel 23 3333 . A. Batavia. ao. 1738. wesende „ng onder sestigh daalders ervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop ses thonisz: ge¬ bij den onder„ 343„ vertim„ ggen aangekomene schip Loverendaal het selve benevens de daar op bescheijdene officrieren, met namen— schipper Samuel hendriksz opperstuurman Cornelis Stevens en den scheeps timmerman Steverl Stevens jingevolge het g'eerde aanschrijvens van de hoog edele heeren seventhienen uijt het patria de dato 24 feb: 1730 naauwkeurig over al gevisiteert ende besigtigt, het selve bevonden deurgaans nieuwe hegt ende sterk in verbintenisse te zijn en daar aan niets mancqueerende is als enelyk — binnen en buijten, kalfaten branden en sermeeren Dit is het geene hoogedele heere en heeren, dat wij ondergetekendens op dien bodem bevonden en ontwaart hebben, het gunt, wijdes gerequireerd werdende nader met ede zoude kunnen bedoestigen bevestigen terwijl met diep schudig respect verblijven:/onderstond:/ Hoog edele agtbare gebie„ Den de Heere En Heeren :/ lager/ uw hoog gd edelens onderdanige en Trouw schuldige Dienaren /was getekent:/ Claas Geijse Peijl J=o. v=n overbeek H=s. D Bruijn sr. Hendricksz Cs Stevens, Steven Stevense, F:s Coeijs pennink /:in margine/ Batavia den 12 9ber 1738 Aan sijn hoog Edelheijt 6 Den wel Edele Heere— Adriaan valckenier gouverneur Generaal mits gaders De verdere Edele Heeren Raaden van Nederlands Jndia - Hoog edele agtbaare gebiedende heere en heeren ter ordere Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften de 4 twee Pr 23 3334 sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands Een stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ ng onder ao. 1738. wesende Batavia, 3431 evens ren eerd en
English
By order of the Commander and Master of Equipage Hugo Verijsel, we, Claas Geijsz Pijl, master, Jacob van Overbeek, first, and Matthijs de Bruijn, second master craftsman of the shipwrights, repaired on board the ship Westerbeek, recently arrived from the fatherland and lying discharged here in the roadstead. We, together with the officers appointed thereto, by name: Pieter Codercq, skipper Barent Lont, chief mate Jacob Sijsbrands, second mate and the ship's carpenter Anthonij Baras, pursuant to the honored missive of the Right Honorable Gentlemen of the Seventeen from the homeland, dated 24 February 1730, thoroughly inspected and examined the same all over, and found it throughout to be sound and strong in its bindings, with nothing lacking except only: further: caulking, burning off, and greasing, inside and outside. This is what we, the undersigned, have found and observed on that vessel, which we, if required, could further confirm by oath; whilst remaining with deeply indebted respect, underneath stood: Right Honorable, highly esteemed, commanding Lord and Gentlemen; lower: Your Honors' humble and faithfully indebted servants; was signed: Cs Gl Pijl, Jb vn Overbeek, Msr D Bruijn, Pr Codercq, B Lont, Jb Zeijbrands, As Baras; in the margin: Batavia, the 12th of November, Anno 1738. To His High Honor, the Right Honorable, Highly Esteemed Lord Adriaan Valckenier, Governor General, and the Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies. Pursuant to the honored order of Your High and Greatly Esteemed Honors, we, the undersigned, proceeded to the ship 't Huijs te Spijk, presently in this roadstead and recently assigned to the homeland for the Chambers of Delft and Rotterdam. We have thoroughly inspected the same everywhere and found that vessel throughout to be sound and strong in the binding of beams, bands, and knees. However, by the pleasure of Your High and Greatly Esteemed Honors, it is necessary that repairs and renewals be made thereto, which are detailed in the annexed report of the master of the shipwrights and his master craftsmen on the island of Onrust, together with the ship's officers, dated the 8th of this month; after the execution of which, that vessel will be completely in a state, under God's help, safely to undertake the voyage already projected, with such goods and merchandise as Your High and Greatly Esteemed Honors shall please to order. This is what, Right Honorable and Greatly Esteemed Lords, we are able to report concerning that vessel, and we hope thereby to have complied with the honored intention of Your High and Greatly Esteemed Honors; wherewith we remain, with deeply indebted reverence and awe, underneath stood: Right Honorable, Greatly Esteemed Lord and Gentlemen; lower: Your High Honors' entirely humble and faithfully indebted servants; was signed: Jn Kelder, A Catersveld, Jn vn Arrat, Am vn Reijnoij, Jb vn Overbeek, Gr D Tollen, Cs Gijse Pijl, M De Bruijn; in the margin: Batavia, the 9th of December, Anno 1738; still lower: With which I confirm, was signed: Hs Verijsel. To His High Honor, the Right Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor General, as well as the other Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies. Right Honorable, Highly Esteemed, Commanding Lord and Gentlemen, By order of the Commander and Master of Equipage Hugo Verijsel, we, Cornelis Vogel, master, Arij Jansz Moleveld, first, and Cornelis van Leeuwen, second master craftsman of the shipwrights, repaired on board the ship 't Huijs te Spijk, recently arrived from Amsterdam and lying discharged here at the island of Onrust. We, together with the officers appointed thereto, by name: Jan Kelder, skipper Jan Backer, chief mate Christiaan de Jong, second mate, pursuant to the honored missive of the Right Honorable Gentlemen of the Seventeen from the homeland, dated 24 February 1730, thoroughly inspected and examined the same all over, and found it throughout to be sound and strong in its bindings, considering its age. However, by the pleasure of Your High Honors, structural work must necessarily be carried out on that vessel, which is respectfully indicated below, namely: to renew 3 gun ports; some pieces in the sheathing; further, caulking, burning off, and greasing, inside and outside. This is what we, the undersigned, have found and observed on that vessel, and after which repair work had been done, that vessel would safely be in a state to sail wherever Your High Honors shall please to project for the said vessel; whilst remaining with deeply indebted respect, underneath stood: Right Honorable, Highly Esteemed, Commanding Lord and Gentlemen; lower: Your High Honors' humble and faithfully indebted servants; was signed: due to indisposition of the master Cornelis Vogel, signed: Cs Gijse Pijl, As Meuleveld, Cornelis van Leeuwen, Jan Kelder, Jan Backer, Cornelis de Jong; in the margin: Onrust, the 8th of December 1738. By order of His High Honor, the Right Honorable, Greatly Esteemed Lord Adriaan Valckenier, Governor General, and the Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies, have
Dutch transcription
ter ordere van den Command=r en equipagie meester hugoverijsel, hebben wij Claas geijs=zr peijl baes d Jacob van overbeek eerste Matthijs De bruijn — d twede meesterknegt der scheeps timmerlieden— ons vervoegdt aan 't boord van, t Alhier ter rhede ontlost leggende Jongst uijt het vaderland aangekomenre schip westerbeek, het selve benevens de daar op beschij dene officcieren met naamen Pieter Coodercq schipper Barent Cont opperstuurm: _o Jacob Sijsbrand onder en den scheeps timmerm Anthonij baras ingevolge het g'eer de aanschrijvs van de hoog edele heere en seventienen uijt het patria de dato 24 febr 1730 naauwkeurig over algevisiteerd en de besigtigt het selv bevonden deurgaens hegten seterk jn verbintenisse te sijn end' daar aanniets mancqueerende is als eenelijk voorts _=o binnen en buijten Calfaten brandeen smeeren dit is't gene hoog edele heere en heeren, dat wij ondergetekende „dens op dien bodem bevonden en ontwaart, hebben 't gunt, wij des gerequireerd werdend, nader, met ede soude kunnen, be„ vestigen terwijl met diep schuldig respect verblijven / onder s: hoog edele agtbs gebiedende heere Zn heeren /lager/uw hoog edelens onderdanige en Trouw schuldige Dienaren /:was getekent:/ C=s G=l pijl:/ J:b v=n overbeek — M:sr D„ Bruijn P=r Codercq B Lont J=b Zeijbrands A=s Baras /in margine / Batavia Den 12' November Ao 1738 Aan zijn hoog Edelheijt Den wel edelen groot agtb: heere Adriaan Valckenier gouverneur Generaal Ende D Edelen heeren Raden 335 van Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften twee Portuaeel 23 Batavia. ao: 1738. wesende ng onder sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands en stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ en en 3 343 ster aes op beschij het g'eer uijt het siteerden Sterk ju ndis Jndia Van Nederlands op de ge Eerde ordre van uw hoog Edele groot agt bare hebben wij ondergetekendens ons vervoegt op het ter deser Rhede sijnde jongst, naer het patria voor de kamer Delft en Rotterdam aengelegt schip thuijs te Spijk deselve alomme nauw keurig gevisenteert en bevonden die bodem doorgaans hegt en de sterk ijn verbintenisse, van balken, banden, ende knies te sijn edog dient met believen van uw hoog edele groot agtbare daer aen noodsakelijk vernieuwt ende gerepa„ „reert te werden, /t gunt uijt gedrukt, staat bij de annexa bevinding van den boes der scheeps timmerlieden, en zijne meester knegts ten eijlande onrust, met en benevens de scheeps overheden sub: dato 8 deser naer verrigting van het welke die bodem volkomen jnstaat, sal, sijn om / onder de hulpe van God de reets geprojecteerde rijse gerustelijk te kunnen on„ Vernemen ƒ dernemen, met sodanige w haren en Coopmanschap pen als uw hoog edele groot agtbare sullen gelievens en te ordonneeren — dit is het geene hoog edele groot agtb:s heeren, dat wij van die bodem weten te berigten, soo verhoopen wij daar mede aen de g'eerde jntentie van uw hoog edele groot agtbare te hebben voldaan des wij met diep schuldig eerbied en ontsag blijven /onderstond/ hoog edele groot agtb=re here en heeren /lager/ uw hoog edelens gants onderdanige en Trouw schuldige Dienaren /was getekend/ J=n kelder A Catersveld J=n v=n Arrat, A=m v=n Reijnoij d 7b. 4 n overbeek Gr D Tollen, C:s Gijse seijl M: De Bruijn /in margine/ Batavia den 9 xeber A=o 1738 nog lager waar mede Confirmere ik mij /was getekend/ H=s verijsel — Aan sijn hoog Edelheijt Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee PortuaealeK te 3336 . Batavia. ao. 1738. wesende „ng onder sestigh daalders vervolgens ter Booc„ igheijdt eerst Inlands Een stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343 23 gt a on„ Den F Den wel Edelen heere— Adriaan Valckenier Gouverneur Generaal mits„ gaders De verdere Edele Heere Raden van Nederlants Jndia — Hoog edele Agtbre Gebiedende heere en heeren ter ordre van den Commandeur en equipagie meester 7C Hugo, verijsel hebben wij Cornelis vogel baas Arij- Jansz: moleveld eerste en Cornelis van Leuwen twede meesterknegt der scheeps timmerlieden ons vervoeg aan 't boort van jk alhier ten eijland onrust ont lost leggende Jongst van amsterdam aangekoo„ „mene schip t huijs te spijk het selve benevens de daar op bescheijdene officcieren met naamen Jan Kelder schipper Jan Backer opperstuurman Christiaan Christiaan de Jong onderstuurman Jngevolge het g'eerde aanschrijvens van de hoogedeleherene seventiene uijt het patria de dato 24 februarij 1730 — naauwkeurig over al gevisiteert ende besigtigt, het zelve bevonden deur gaans, hegt ende sterk in verbinte„ nisse te sijn, nae sijne jaaren edog sal, met believen van uw hoog edelens noodsakelijk aan dien bodem vertimmert moeten werden, het gene hier onder eerbie dig werd aangewesen namentlijk 3 geschut poorte- - - - - - te vernieuwen Eenige stuck in de dubbelhuijt. . voorts binne en buijten calfate brande en vermeeren dit is, het geene hoogedele heere en heeren dat wij ondergetekendens op dien bodem bevonden en ont „waart hebben en na welkers gedaane vertimmering soude dien bodem gerustelijk jnstaat wesen, omme E te vaaren werwaarts uE hoog edelens op gem bodem Demonstratie der middelen Inkomsten en uijtgifften der twee Portuaar l 1 3337 bed Batavia, ao. 1738. wesende „ng onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst— Inlands Een stux goude doop Rijxd thonisz: ge„ onder„ ses - en 343„ 23 vervoegt bodem sullen gelieven te projecteeren terwijl met diep schuldig respect verblijven / onderstond:/ hoogedelen Agtbaare gebiedende heere en heeren /:lager/ uw hoog edelens onderdanige en trouwschuldin ge Dienaren /:was getekend/ mits indispositie van den Baas Cornelis vogel /getekent/ Cs gijse Pijl- As Meuleveld, Cornelis van Leeuwen, Cornelis De Jong / in Jan Kelder, Jan Backer /margine/ onrust Den 8 December 1738 — Ter ordere van zijn hoog Edelheijt Den wel Edelen groot Agtbaare heere Adriaan Valckenier gouverneur Generaal Ende D Edele heeren Raden van Nederlands Jndia hebben
English
333 we, the undersigned, have repaired on board the ship Spiering, being recently arrived at this roadstead from Banda, and have everywhere exactly inspected the same and found that vessel, after the recent repairs performed upon her, as appears from the attached report of the master shipwright at the island of Onrust together with his foremen, and also the ship's officers, under date of the 8th of this month, to be thoroughly sound and strong in the binding of beams, bands, and knees, so as to be able to sail without fault, such that we, subject to the correction of Your Right Noblenesses' much wiser judgment, consider that vessel fully in a state to be able, with the help of God, safely to undertake her already projected voyage, with such wares and merchandise as Your Right Noblenesses shall be pleased to order; wherewith we remain with the utmost respect and highest esteem, below: Your Right Noblenesses' most humble and dutiful servants, was [illegible] signed: Wm van Scherpenberg, [illegible], Am van Reijnoij, Hr Catersveld, Gt vn Dn Tollen, C:s Gijse Pijl, Js vn Overbeek, Ms De Bruijn. In the margin: Batavia, the 9th of December, Anno 1738. Lower still: Wherewith I confirm myself, signed: H verijsel. To His Right Nobleness, The Right Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor General, as well as the other Noble Lords, Councilors of Netherlands India. Right Honorable, Respected, Commanding Lord and Lords, By order of the Commander and Equippage Master Hugo Verijsel, we, Cornelis Vogel, master, Arij Jansz Moleveld, first, and Cornelis van Leuwen, second foreman of the shipwrights, have repaired repaired on board the ship Spiering, lying discharged here at the island of Onrust, having recently arrived from Banda, and have, together with the officers appointed thereto, by name: Willem van Scherpenbergh, skipper, Hendrik De Prinse, chief mate, Christiaan Basing, second mate, pursuant to the honored missive of the Right Honorable Gentlemen Seventeen from the fatherland, dated 24 February 1730, accurately inspected and viewed the same throughout, and found it to be generally in fair binding according to its age; yet, with Your Right Noblenesses' pleasure, there will necessarily have to be repaired on that vessel the following which is respectfully indicated below, namely: the mainmast, foremast, bowsprit, to be renewed; fore-topmast, [illegible] the fore-topmast, fore-topgallant mast, spritsail topmast, to be renewed; upper and lower deck fishings, some pieces in the half deck, to place 2 knees at the galley, to renew a large part of the sheathing; this is what we, the undersigned, have found and observed on that vessel, and after which completed repairs that vessel should safely be in a state to sail whithersoever Your Right Noblenesses shall be pleased to project for the said vessel. While remaining with deep dutiful respect, underneath stood: Right Honorable, Respected, Commanding Lord and Lords, lower: Your Right Noblenesses' humble and dutiful servants, was signed: subject to the disposition of the master Cs Vogel, signed: C:s Ge Pijl, Arij Meuleveld, Cs v Leuwen, W: v: Scherpenberg, Hendrik De Prinse, Cn Booijsen. In the margin: Onrust, the 8th of December 1738. [illegible] to be renewed. By order of His Right Nobleness, The Honorable, Highly Respected Lord Adriaan Valckenier, Governor General, and The Noble Lords, Councilors of Netherlands India, We, the undersigned, have repaired on board the ships recently arrived at this roadstead, namely Hamstede for Amboina, and Meerlust and Ruijter for Banda, and have everywhere exactly inspected the same, and found those vessels, after the recent repairs performed upon them, as appears from the attached reports of the master shipwright and his foremen here, together with and alongside the ship's officers under dates of 11, 17, and 23 December, to be generally sound and strong in the binding of beams, bands, and knees, so as to be able to sail without fault, such that we, subject to the correction of Your Right Noblenesses' much wiser judgment, consider those vessels fully in a state to be able, with the help of God, safely to undertake their already projected voyage, with such wares and merchandise 3340 [illegible] as Your Right Noblenesses shall be pleased to order; wherewith we remain with the utmost respect and highest esteem, lower: Your Right Noblenesses' humble servants, was signed: W t Eijk, R Blaas, Lt vr Schaagens, H Hensingh, J v Hennekikzer, J v Overbeek, Matt De Bruyn. In the margin: Batavia, the 6th of January, Anno 1739. Lower still: Herewith I confirm myself, signed: Hk Verijsel. By order of His Right Nobleness, The Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor General, as well as the other Noble Lords, Councilors of Netherlands India. Right Honorable, Respected, Commanding Lords, etc. By order of the Commander and Equippage Master Hugo Verijsel
Dutch transcription
333 hebben wij ondergetekendens ons vervoegt op de ter deser rhede, zijnde jongst, naar banda aangelegde schip de spiering, mitsgaders het selve alomme Exactelijk ge visenteert ende bevonden die bodem, naer de jongst daar aangedaane vertimmering, blijkens annexe, bevinding wan den baas der timmerlieden ten eijlande onrust nevens sijne meester knegts jitem de scheep overleden, zul dato 8 deser doorgaans, hegt ende sterk in verbintenisse van balken banden, ende kniss te sijn om sonder manquement te kunne varen over sulx dat wij onder Correctie van uw hoogedelens veel wijser oordeel die bodem volkomen in staat agten om /onder de hulpe van god / sijn reets gepro„ jecteerde reijse gerustelijk te kunnen ondernemen, met zoodanige waren en Coopmanschappen als uw hoog edelens sullen gelieven te ordonneeren— waer mede wij met de alderuijtterste eerbieden, hoogste agting blijven /lager:/ uw hoog edelens gants- onderdanige en Trouw schuldige Dienaren was Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften de ra tweal Portuuan l 1 1330 38 Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst— Inlands Een stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ - „ng onder ao. 1738. wesende Batavia. de 343 23 van /was getekend/ W=m van Scherpenberg n arraat Im A=m van Reijnoij, Hr Catersveld, G=t v=n Dn Tollen C:s gijse pijl, J=s v=n overbeek M=s De Bruijn— /:in margine/ Batavia Den 9 December Ao 1738 /nog lager/ waar mede Confirmere ik mij /was getek:d/ vCo H= verijsel — Aan sijn hoog Edelheijt — Den wel edelen Heere Adriaan Valckenier Gouverneur Generaal mitsga Ders De verdere edele heeren — Raden van Nederlands Jndia Hoog edele Agtbaare gebiedende heere en Heeren Ter ordre van den Commandeur en equipagie meester — 7C Hugo verijsel hebben wij Cornelis vogel baas Arij Jansz moleveld eerste en Cornelis van Leuwen tweede meester knegt der scheeps timmerlieden ons vervoegt vervoegt aan t boort van t alhier ten eijland onrust ontlost leggende Jongst van banda aangekoomene schip spiering, het zelve, benevens de daar op bescheijdene officcieren, met naamen— willem van scherpenbergh schipper hendrik De Prinse opperstuurman Christiaan Basing onder _=o jngevolge het g'eerde aanschrijvens van de hoogedele heeren seventiene, uijt het patria de dato 24 feb: 1730, nauwkeurig over algevisenteert ende besigtigt het selve bevonden deur„ gaans reedelijk ijn verbintenisse te sijn, nae sijne jaaren edog sal, met believen van uw hoog edelens, noodsake„ „lijk, aan dien bodem vertimmert moeten werden het geene hier onder eerbiedig werd aangewesen namentlijk — de groote mast - - - -- focke _o - - - - - „ boegspriet - - - - - te vernieuwen- voorsteng Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften 1 Portoua n twee 23 3339 de Batavia. ao. 1738. wesende „ng onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst— Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ en 343. — d:o de voorsteng - - - - - „ bram _.o - - - - „ blinde do - - - - onderen boven decks vissing. eenige stucke int half deck. . 2 knies aan t galpoen te sette te de dubbelhuijt voor een groot gedeelte verniwen dit is, het gene hoogedele heere en heeren dat wij onde gete„ kendens op dien bodem bevonden en ontwaart hebben en na welkers gedaane vertimmering soude dien bodem gerustelijk in staat weese omme te varen werwaarts uw hoog edelens op gem: bodem sullen gelieven te projecteren terwijl met diep schuldig respect verblijven /onderstond/ hoog edele agtbaare gebiedende here en heeren /lager uw hoogedelens onderdanige en trouwschuldige dienaren /was getekt/ mits in dispositie van den baas C s vogel / tekent C.:s g=e pijl Arij meuleveld C.s v Leuwen W: v: scherpenberg Hendrik De Prinse C=n Booijsen /in margine / onrust Den 8 December 1738 4 praa - - - - - - Ter ordre van sijn hoog edelheijt Den wel edelen groot agtb=e heere Adriaan Valckenier Gouverneur Generaal te vernieuwen 0 En De Edele Heeren Raaden van Nederlands Jndia Hebben wij ondergetekendens ons vervoegt op de te deser Rhede zijnde jongst aengelegde scheepen als hamstede naer amboina en Meerlust en Ruijternae, e banda, mitsg:s deselve alomme exectelijk gevisenteerden Bevonden die bodems naa de jongst daer aen gedaene vertin mering blijkens de annexe bevindings van den baas der scheeps, timmerlieden ende zyne meesters kenegts alhier met en berevens de scheeps overheeden sub datis 11 17 en 23 decemb: doorgaens legt en de sterk in verbintenissen van balken banden ende knies omsonder manquement te kunnen varen over zulx dat wij onder Correctie van uw hoog edelens veelwijser oordeel die bodems volcome in staat agten om onder de hulpe van godt hunne reets geprojecteerde rijse gerustelijk te kunnen onder„ nemen, met sodanige waeren en Coopmanschappen 3340 Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften de rn twee Port 1 O Lon a „nigheijdt „eerst — Inlands Een stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ ter Booc„ vervolgens daalders Sestigh „ng onder ao. 1738. wesende Batavia, de 343 23 als als uw hoogedelens zullen gelieven te ordonneeren waer meede wij met de alderuytterste Eerbied en hoogste agting blijven /:Lager uw hoog Edelens 6 onderdanige Dienaren /:was getekent / W t Eijk R Blaas L=t v„r schaagens H Hensingh J v Hennekikzer J v overbeek matt de bruyn /in margine / batavia den 6 Januarij Ao 1739 /nog/ Lager / hier mede Confirmere ik mij / getekent/ H„k Verijsel Ter ordre van sijn hoogedelh:t Den wel Edelen Heere Adriaan Valckenier gouverneur Generael Mitsgaders De verdere edele heeren Raaden van Nederlands Jndia Hoog Edele agtbaare gebiedend hereen ger: Ter ordre van den Commandeur en quipag: hugo„ verijsel
English
Verijsel, we, Claas Geijsz., master of the sounding, Jacob van Overbeek, first, and Mathijs de Bruijn, second master craftsman of the shipwrights, have gone aboard the ship Haamstede, which arrived to us from the fatherland and is lying discharged here in the roadstead, and along with the officers appointed to it, namely Willem van Dijk, skipper, Cornelis van Rijp, chief mate, Gijsbert van der Block, second mate, and the ship carpenter Fredrick Aalsloot, in accordance with the honored instructions from the High Noble Gentlemen Seventeen from the fatherland dated 24 February 1738, have inspected and examined it thoroughly everywhere, and found the same to be generally sound and strong in its bindings considering its age. Yet, if it pleases Your High Nobilities, it will necessarily be required to carry out repairs on this vessel, which are respectfully indicated below, namely: To set some pieces in the sheathing. To set some pieces in the ceiling. To renew the main topgallant topmast. To renew the main topmast cross-trees. To renew the tiller. Further to caulk, burn, and grease inside and outside. After these repairs are completed, this vessel is judged to be in a condition to sail wherever Your High Nobilities shall be pleased to plan. This is what we, the undersigned, have found and observed on that vessel, which, if further required, we could confirm by oath, whilst remaining with deep and dutiful respect, [below stood] High Noble, Honorable, Ruling Lord and Gentlemen, [lower] Your High Nobilities' humble and faithful servants [was signed] Claas Geijsz., Jacob van Overbeeck, M. D Bruijn, Wm. vn. Eijk, Crn. Rijp, G. vn. Dr. Block, Fk. Aalsloot [in the margin] Batavia, 11 December 1738. To His High Nobility, the Right Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, together with the other Honorable Gentlemen of the Council of the Dutch Indies. High Noble, Honorable, Ruling Lord and Gentlemen. By order of the Commander and Master of the Equipment Hugo Verijsel, we, Claes Geijsz., master of the sounding, Jacob van Overbeek, first, and Matheijs de Bruijn, second master craftsman of the shipwrights, have gone aboard the ship Meerlust, recently arrived from Bengal and lying discharged here in the roadstead, and along with the officers appointed to it, namely Roelant Blaas, skipper, Mathijs Matthijsz., chief mate, Gideon de Benrepoe, second mate, and the ship carpenter Willem Willemsz., in accordance with the honored instructions from the High Noble Gentlemen Seventeen from the fatherland dated 24 February 1738, have inspected and examined it thoroughly everywhere, and found the same to be generally still reasonably strong in its bindings considering its age. Yet, if it pleases Your High Nobilities, it will necessarily be required to carry out repairs on that vessel, which are respectfully indicated below, namely: To set some pieces in the sheathing. To set some pieces in the ceiling. Further to caulk, burn, and grease inside and outside. After these repairs are completed, that vessel is judged to be in a condition to safely undertake the already planned voyage to Banda under God's blessing. This
Dutch transcription
verijsel hebben wij Claas Geijsz: peijl. baes Jacob van overbeek eerste en Mathijs de Bruijn twede meesterknegt der scheeps, timmerlieden ons vervoege aent boort van 't alhier ter rheede ontlost leggend; ons uijt het vaderband aengekoomene Schip haemste De het selve benevens de daer op bescheijdene offic„ Cn Cieren met naamen— willem van Dijk schipper - Cornelis van Rijp opperstuurman Gijsbert van der block onderstuurman en den scheeps Timmerman Fredrick aalsloot ingevolge, het g'eede aen schrij vens van de hoogedeleheeren 17en uijt het pattia de dato 24 februarij 1738 naauwkeurig over al ge visiteerd ende besigtigt het zelve bevonden deur Gaens, legt ende sterk in verbintenisse te sijn na sijne 66 jaaren Edog sal met believen van uw hoog edelens nood zakelijk aen dien bodem vertimmert moe„ „ten werden, het geene hier onder eerbiedig werd 3341½ aengewesen Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften de rataweol Portauaan hal 1 de Batavia, ao. 1738. wesende „ng onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst— Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ een en 343. 23 aengeweesen, namentlyk- eenige stucken in de dubbelhuijt te zetten eenige stucken in de wegering bram de groote ^ stengh - - - te vernieuwen de grote stenge dwars saling de Roer pen voorts binnen en buijten Calfaten branden en smeeren na welkers gedane reparatie dien bodem, in staat Geoordeelt wat omme tevaaren werwaarts uw' hoog Edelens sullen gelieven te projecteeren, dit is 't gene hoogedele seere en heeren dat wij onderge „tekendens op dien bodem bevonden en ontwaert hebben, 't gunt, wijdes gerequireert, werdend nader met ede zoude Cunnen bevestigen terwijl met diep schuldig respect verblijven /onderstond/ Hoog edele agtb:e gebiedende heere en heeren rs 66 Lager/ uw hoog edelens onderdanige en Trouw schuldige Dienaaren /was getekent Claas r Claas Geijsz Jacob van overbeeck M: D Bruijn W=m v=r Eijk Crn Rijp— G v:n Dr Block F=s Aalsloot /in margine/ Batavia Den 11 xber 1738 — Aan zijn hoog Edelheijt Den wel edelen heere Adriaan Valckenier Gouverneur Generaal mitsgaders De verdere Edele heeren Raaden van Nederlands Jndia Hoog Edele agtb=r Gebiedende heerel en heeren ter ordre van den Command=r en equipagie meester hugo verijsel hebben wij Claes Geijsz: peijl baas 2 Jacob van overbeek erste en Maetheijs De bruijn twede meesterknegt der scheeps timmerlieden ons vervoege aent boort van 't alhier ter rheede ontlost leggende Jongst van Bengalen aengekomene schip Meerlust, het zelve 3342 benevens Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften N k tweed Prrtuaan der 23 d Batavia. ao. 1738. wesende „ng onder sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt „ eerst — Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ een en 343 de N aengeweesen, namentlik eenige stucken in de dubbelhuijt te zetten eenige stucken in de wegering bram de groote rstengh - - te vernieuwen de grote stenge dwars saling 6 de Roer pen voorts, binnen en buijten Calfaten branden en na welkers gedane reparatie dien bodem, in s Geoordeelt, wat omme tevaaren werwaart hoog Edelens sullen gelieven te project eer dit is t gene hoogedele seere en heeren dat wij o „tekendens op dien bodem bevonden en ontn hebben, 't gunt wijdes gerequireert werdend met ede zoude Cunnen bevestigen terwijl diep schuldig respect verblijven /onderst Hoog edele agtb:e gebiedende heere en heer s 66 Lager / uw hoog edelens onderdanige en Trou schuldige Dienaaren /was getek„ Claas G Claas Geijsz Jacob van operbeeck M D Bruijn W=m vn Eijk Crn Rijp — G v„n Dr Block F=k Aalsloot /in margine/ Batavia Den 11 xber 1738 — Aan zijn hoog Edelheijt Den wel edelen heere Adriaan Valckenier Gouverneur Generaal mitsgaders De verdere Edele heeren Raaden van Nederlands Jndia Hoog Edele agtb=re Gebiedende heere en heeren ter ordre van den Command=r en equipagie meester hugo verijsel, hebben wij Claes Geijsz peijl baas Jacob van overbeek eerste en Matheijs De bruijn twede meesterknegt der scheeps timmerlieden ons vervoegt aent boort van talhier ter rheede ontlost leggende Jongst van Bengalen aengekomen schip Meerlust, het zelve 3342 benevens Demonstratie der middelen Inkomsten en uijtgifften K Portua Portu 23 de Batavia. ao: 1738. wesende „ng onder sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst — Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ en 343 ƒ dde benevens de daer op bescheijdene officcieren met naamen Roelant Blaas schipper Mathijs matthijsk: oppershuur man Esideon De Benrepoe onderstuurman en den scheep timmerman Willem Willemsz:, ingevolge, het g'eerde aenschrijven van de hoog edele heeren 17=en uijt het patria de dato 24 februarij 1730 naauw keurig over al gevisiteert ende besigtigt het zelve bevonden deurgaens, nog redelijk sterk, in verbintenisse te zijn na zijne Jac ren edog sal met believen van uw hoog edelens, noodsa„ „kelijk aendien bodem vertimmert, moeten werden het gene hier onder eerbiedig werd aengewesen namentlijck- eenige stucken in de dubbelhuijt te zetten eenige stucken, inde wegeringe voorts binnen en buijten Calfaten branden en vermeeren na, welkers gedane reparatie dien bodem in staat geoor deelt, wert omme de reets geprojecteerde reijse, naer banda onder godes sagen gerustelijck te kunnen onderneemen dit
English
This is what we the undersigned have found and observed on that vessel, which, if required, we could further confirm under oath, while we remain with deep and dutiful respect. Below stood: Right Honorable, Worshipful, Commanding Lord and Lords. Lower: Your Right Honorables' humble and dutiful servants. Was signed: Claas Geijsz Peijl, J. v. Overbeek, Master De Bruijn, Rd. Blaas, Master Matthijsen, G:r De Borrepoe, Wielem Wielemsz. In the margin: Batavia, 17 December, Anno 1738. To His Right Honor, the Right Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, together with the other Honorable Lords Councilors of the Dutch East Indies. Demonstration of the resources, revenues, and expenditures [illegible] Batavia, Anno 1738, being [illegible] sixty thalers, subsequently [illegible] first, native [illegible] pieces of gold baptismal [illegible] six rix-dollars [illegible] by the under- [illegible] 3343 343 Right Honorable, Worshipful, Commanding Lord and Lords, By order of the Commander and Equippage Master Hugo Verijsel, we, Jacob Hennekelaar, Master Jacob van Overbeek, first, and Master De Bruijn, second master-journeyman of the shipwrights, have gone aboard the ship D' Ruijter, recently arrived from Padangh, which is lying here discharged in the roadstead; and, together with the officers assigned to it, named Lambregt van Schagen, skipper, Cornelis De Bruijn, chief mate, Jan Sirevelt, second mate, and the ship's carpenter Coenraad Claasz, in accordance with the honored letter of the Right Honorable Lords Seventeen from the Homeland dated 24 February 1730, thoroughly inspected and surveyed the same in all parts; and found it to be completely sound, tight, and strong in its framework, lacking nothing other than only 3344 calking, burning, and graving inside and out. This is what we the undersigned have found and observed on that vessel, which, if required, we could further confirm under oath, while we remain with deep and dutiful respect. Below: Right Honorable, Worshipful, Commanding Lord and Lords. Lower: Your Right Honorables' humble and dutiful servants. Was signed: J. v. Hennekelaer, J. v. Overbeek, Master D. Bruyn, L. v. Schagen, C. De Bruijn, J:n Cierevelt. In the margin: Batavia, 23 December 1738. To His Right Honor, the Right Honorable, Highly Worshipful Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, and the Honorable Lords Councilors of the Dutch East Indies. Right Honorable, Highly Worshipful Lords, Demonstration of the resources, revenues, and expenditures [illegible] Batavia, Anno 1738, being [illegible] sixty thalers, subsequently [illegible] first, native [illegible] pieces of gold baptismal [illegible] six rix-dollars [illegible] by the under- [illegible] 343 23 Pursuant to the honored order of Your Right Honorable, Highly Worshipful Lordships, we the undersigned have gone to and aboard the ships lying in this roadstead, recently designated among others for the Homeland, namely Dregterland and the Wapen van Hoorn for the presiding Chamber of Amsterdam, and Schellag for the Chamber of Zeeland; and having thoroughly inspected them everywhere, found those vessels throughout to be sound and strong in the joinery of beams, bindings, and knees. Yet, with the pleasure of Your Right Honorable, Highly Worshipful Lordships, it is necessary that renewals and repairs be made thereto, as is set forth in the attached findings of the Master of the Shipwrights and his master-journeymen at the island of Onrust, with and alongside the ship's authorities, dated 20, 22, and 25 December of the past year; upon the completion of which, those vessels will be in a condition, under the help of God, peacefully to 3345 undertake the voyage already projected, carrying such goods and merchandise as Your Right Honorable, Highly Worshipful Lordships shall be pleased to order. This is what the undersigned are able to report concerning those vessels, with which we hope to have complied with the honored intention of Your Right Honorable, Highly Worshipful Lordships; wherefore we remain, with deep and dutiful reverence and awe. Below stood: Right Honorable, Highly Worshipful Lord and Lords, Your Right Honorables' entirely humble and dutiful servants. Was signed: Hendrik Hessingh, Joost Anker, Jan Elemout, R:t Blaas, L: v: Schagen, I: V: Henneklaar, Jacob van Overbeek, Mattijs De Bruijn. In the margin: Batavia, 9 January Anno 1739. Lower: With this I concur. Was signed: Hugo Verijsel. To His Right Honor, the Right Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, together with the other Honorable Lords Councilors of the Dutch East Indies. Demonstration of the resources, revenues, and expenditures [illegible] Batavia, Anno 1738, being [illegible] sixty thalers, subsequently [illegible] first, native [illegible] pieces of gold baptismal [illegible] six rix-dollars [illegible] by the under- [illegible] 343 Right Honorable, Worshipful, Commanding Lord and Lords, By order of the Commander and Equippage Master Hugo Verijsel, we, Cornelis Vogel, Master Arij Jansz Moleveld, first, and Cornelis van Leeuwen, second master-journeyman of the shipwrights, have gone aboard the ship Dreghterland, recently arrived from the Coromandel Coast, lying here discharged at the island of Onrust; and, together with the officers assigned to it, named: Hendrik Hessing, Skipper Claas Nieroop, Chief Mate Cornelis Harder, Second Mate in accordance with the honored letter of the Right Honorable Lords Seventeen from the Homeland dated 24 February 1730, thoroughly inspected and surveyed the same in all parts, finding it throughout to be sound and strong in its framework, yet it shall, with the pleasure of Your [illegible]
Dutch transcription
dit is het gene, hoogedele, heere ven heeren dat wij ondergete kendens op dien bodem bevonden en ontwaert hebben het Gunt wijdes gerequireerd werdende nader met eede zoude Cunnen bevestigen terwijl met diep schuldig respect verblijven /onderstond/ hoog edele agtbaare gebiedende heere En heeren /Lager /uw hoogedelen onderdanige en Trouw schuldige dienaaren / was /getekent / Claas Geijsz peijl J v overbeek mr De Bruijn Rd. Blaas mr Matthijsen n G:r De Borrepoe Wielem Wielemsz / in margine/ Batavia den 17 xber Ao 1738— 6 Aan zijn hoog edelheijt — Den wel edelen heere — Adriaan Valckenier Gouverneur Generaal mits Es gad: de verdere edele heeren raden van Nederlands Jndia hoog Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften k twee Portuaerlelo 23 de Batavia. ao: 1738. wesende „ng onder sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ een 3343 343 Hoog edele agtbaare gebiedende leere en heeren ter ordre van den Commandeur en equipagie meester Hugo verijsel, hebben wij Jacob hennekelaar baas Jacob van overbeek eerste en mr. De bruijn twede meesterknegt der scheepstimmerlieden ons vervoegt aent boort vant alhier ter rheede ontlost Leggende jongst van Padangh aengekoomene schip D' Ruijter, het selve benevens de daer op be„ schijdene officcieren met naamen lambregt van Schagen schipper Cornelis De Bruijn opperstuurm: Jan Sirevelt onderstuurm: en den scheeps, timmerm: Coenraad Claasz ingevolge het geeerde aenschrijvens vande hoogedele heeren 17 en 17=en uyt het patria de dato 24 feb: 1730 naeukeurig over al gevisiteerd ende besigtigt 't selve bevonden deurgaens nieuw legt ende sterk in verbintenids te sijnende daar aen niets mancquerende is als eenelijck binnen In 3344 binnen en buijten Calfaten branden en vermeren dit is het geene hoog edele heeren heeren dat wij onder getekenden op dien bodem bevonden en ontwaert hebben het gunt wij des gerequereert werdende nader met ede zoude Cunnen bevestigen terwijl met diep schuldig respect verblijven /onders:/ hoog edele agtb gebiedende, heere en heeren Lager uw hoog edelens onderdanige en Trouw schuldige dienaren te /was getekent/ J v hennekelaer J r overbeek mr D Bruyn L v Schagen (De Bruijn J:n Cierevelt /in margine / batavia den 23 xber 1738 Aan zijn Hoog Edel heijd den wel Edelen groot achtbaare Heere Adriaan Valckenier Gouverneur Generaal Ende D Edele Heeren raa„ „den van Nederlands Jndia Hoog Edele Groot Agtbaare Heeren Heeren Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften dern twee Portua . d Batavia. ao: 1738. wesende ng onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst. Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ - 343 23 Op Op de geEerde ordere van uw wel Edele groot Agtbaare hebben wij ondergetekenden ons vervoegd aan en op de te dezer Rheede zijnde Jongst onder meerder na het Patria aangelegde schepen als Dregterland ent wapen van Hoorn voor de presidiale kamer Amsterdam en schellag voor de Camer Zeeland dezelve alomme naaukeurig gevisenteert en bevonden die bodem doorgaans hegt en sterk in verbintenisse van balken banden ende knies te zijn Edog dient met believen van uw hoog Edel groot agtbaare daar aan noodsakelijk vernieut en de gerepap„ „reert tewerden 't gunt uijtgedrukt staat bij de annexe bevindinge van den baas der scheeps Timmerlieden en zijne meesters knegts ten Eij„ „Lande onrrest met En benevens de scheeps overheden zub datis 20' 22 en 25 december Anno Passato namelkers verrigting die Bodems komen in staat zullen zijn om /onder de hulpe van God de reets 3345 reets geprojecteerde Rijse gerustelijk te kunnen Ondernemen met zodanige waren en Coopman„ „schappen als uw hoog Edelens groot Agtb sullen gelieven te ordonneeren dit is het geene hoog Edele groot Agtb: Heere en Heeren dat onder getekendens van die bodems weten te berigten waar meede wij verhopen aan de g'Eerde Jntentie van uw hoog Edele groot agtbaare Te hebben voldaan, des wij met diep schuldige Eerbied en ontsag, blijven / onderstond / 70o9 Edele groot agtbaare Heere en Heeren uw Hoog Edelens Gants onderdanige en Trouw, „schuldige Dienaren /:was getekent :/ Hend=k hessingh Joost Anker Jan Elemout R=t Blaas L: v: Schagen I: V: Henneklaar Jacob van overbeek Mattijs De Bruijn /in margine Batavia den 9 Januarij A=o 1739 /Lager/ hier meede Confermeeren ik mij / was /getekent/ Hugo Verijsel Aan sijn hoog Edelheid Den wel Edelen Heere Adriaan Valckenier Gouverneur Generaal Mitsgaders de verdere Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften 1 tu Port twee 23 0 Batavia, ao: 1738. wesende „ng onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ ne een 343. Erele ƒ Hoog Edele Agtbaare Gebiedende Heere en Heere Ter ordere van den Commandeur en Equipagie m=r hugd verijsel hebben mij Cornelis Vogel Baas Arij Jansz Moleveld Eeersten en Cornelis van Leeuwen tweede m=r Knegt der scheepsTimmerlieden ons vervoegt aant boort van 't alhier ten Eijland ontust ontlost Leggende Jongst van de Cust Cormandel aange¬ komene schip Dreghterland het selven bene vens de daar op beschijdene offecieren met name hendrik Heffing - - Schipper Claas niroop. - . - opperstuurman Cornelis Harder . onder Ingevolge het g'Eerde aanschrijvens van de hoo Edele Heeren Seventhienen uijt het Patria de dato 24 Februarij 1730 nauwkeunig over aan gevisiteert ende besigtigt het zelve bewon„ „den beurgaans hegt ende serk in verbinte nisse te zijn hoog zal met believen van ain„ Edele Heere Raaden Van nederlands Jndia hoog _o
English
High Nobilities must necessarily be repaired on that vessel, which is respectfully indicated below, namely: the bowsprit, the mizzen topmast, to be renewed, some timbers in the double hull, furthermore inside and outside caulking, burning off, and greasing. This is what we, the undersigned, have found and observed on that vessel, and after which repair has been done, that vessel would safely be in a condition to sail wherever your High Nobilities will be pleased to project for the said vessel. While with deep dutiful respect we remain, Below was written: High Noble Honorable Ruling Lord and Lords, your High Nobilities' humble and faithfully dutiful servants. Signed: Claas Gijsepijl, Arij Meulevelt, Cornelis van Leeuwen, H: Hessing, C=s Nieroop, C:s Harder. In the margin: Onrust, the 20 Xber Ao. 1738. To his High Nobility the Right Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor General, together with the other Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies. High Noble Honorable Ruling Lord and Lords, By order of the Commander and Master of the Equipage Hugo Verijsel, we, Claas Geysepeijl, Master Arij Jansz Moleveld, first, and Cornelis van Leeuwen, second master journeyman of the ship's carpenters, have betaken ourselves on board the ship 't Wapen van Hoorn, lying here unloaded at the island of Onrust, having recently arrived from the Fatherland, and have, together with the officers appointed thereto, by name: Joost Salomons Anker, skipper Bernardus Hijmans, chief mate Adriaan de Graaff, second mate pursuant to the honored letter of the High Noble Lords Seventeen from the Fatherland dated 24 Febr= 1730, carefully visited and inspected the same throughout, and found it throughout firm and strong in construction. However, with the pleasure of your High Nobilities, there will necessarily have to be repaired on that vessel what is respectfully indicated below, namely: the fore topmast, the fore topgallant mast, to be renewed, the main topsail yard, the fore topsail yard, to be renewed, the fore topgallant yard, furthermore outside and inside caulking, burning off, and greasing. This is what we, the undersigned, have found and observed on that vessel, and after which repair has been done, that vessel would safely be in a condition to sail wherever your High Nobilities will be pleased to project for the said vessel. While with deep dutiful respect we remain, Below was written: High Noble Honorable Ruling Lord and Lords, your High Nobilities' humble and faithfully dutiful servants. Signed: Claas Gijsepijl, Arij Meulevelt, Cornelis van Leeuwen, Joost Anker, Bernardus Heijmans, Adriaan de Graaff. In the margin: Onrust, the 22 Decemb: A=o 1738. To his High Nobility the Right Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor General, together with the other Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies. High Noble Honorable Ruling Lord and Lords, By order of the Commander and Master of the Equipage Hugo Verijsel, we, Claas Gijsepijl, Master Arij Meuleveld, first, Cornelis van Leeuwen, second master of the ship's carpenters, have betaken ourselves on board the ship Schellagh, lying here unloaded at the island of Onrust and recently arrived from Japan, and have, together with the officers appointed thereto, by name: Jacob Klapwijk, skipper Claas Haagen, chief mate Claas Israel, second mate pursuant to the honored letter of the High Noble Lords Seventeen from the Fatherland dated 24 Febr: 1730, carefully visited and inspected the same throughout, and found it throughout firm and strong in construction. However, with the pleasure of your High Nobilities, there will necessarily have to be repaired on that vessel what is respectfully indicated below, namely: some timbers in the double hull, to be renewed, furthermore inside and outside caulking, burning off, and greasing. This is what we, the undersigned, have found and observed on that vessel, and after which repair has been done, that vessel would safely be in a condition to sail wherever your High Nobilities will be pleased to project. While with deep dutiful respect we remain, Below was written: High Noble Honorable Ruling Lord and Lords, your High Nobilities' humble and faithfully dutiful servants. Signed: Claas Gijsepijl, Arij Meulevelt, Cornelis van Leeuwen, Jacob Klapwijk, Claas Haagen, Esaas Israel. In the margin: Onrust, the 25 Xber 1738. To
Dutch transcription
hoog Edelens noodzakelijk aan dien bodem vertimmert moeten werden het geene hierondere Eerbiedig werd aangewesen namentlyk „ boegspriet. - - - - - - - - Rievenieuwen „ kruijstengh - - - - - - - - Eenige stukken inde dubbelschuijt. . . voorts binnen en buijten Calsaten branden en Sweeren Dit is het geene hoog Edele heere en Heeren dat wij ondergetekendens op dien bodem be„ „vonden en ontwaart hebben en nawelkers gedaane vertimmering zoude dien bodem gerustelijk instaat wesen omme te varen „werwaarts uw hoog Edelens op gem boden zullen gelieven te projecteeren terwijl met diep schuldig respect verblijven /onderstond/ hoog Edele agtbaare Gebie„ „dende Heere en Heeren uw hoog de ropen. - - - - - - - - - - - 3346 Edelens Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften twee 23 Batavia. ao. 1738. wesende ng onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ en 343. — lngelandt Edelens onderdanige en trouw schul¬ „dige Dienaren /was getekent / Claas Gijsepijl, Arij Meulevelt, Cornelis van Leeuwen H: Hessing C=s Nieroop C:s Harder /in margine / onrust den 20 Xber Ao. 1738 Aan sijn Hoog Edelheijt den wel Edelen Heeren Adriaan Valckenier Gouverneur Generaal mitsgaders de verdere Edele Heeren Raaden van Nederlands Jndia Hoog Edele agtbaare Gebiedende hieren Heeren Ter ordere van den Commandeur en Equipagiem=r Hugo verijsel hebben wij Claas Geysepeijl baas arij Jansz Moleveld Eerste en Cornelis van van Leeuw en tweedem=r knegt der scheep Timmerlieden ons vervoegt aant boort van't alhier ten Eijland onrust ontlost zeggende Jongst uijt 't Patria aangekomene schip 't wapen van Hoorn tzelve benevens de daar op beschydene offecieren met namen Joost Salomons anker - - - schipper bernardus Hijmans v. - - opperstuurm Adriaan de Graaff - - - - onder _o Jngevolge het g'Eerde aanschrijvens van de hoog Edele Heeren Seventhienen uijt het Patria de dato 24 Febr= 1730 Naaukeurig over al gevisi„ „zeert ende besigtigt het zelve bevonden deur gaans Hegt Ende sterk in verbintenisse te zijn Edog zal met believen van uw hoog Edelens noodzatelijk aan die borem vertimmert moeten werden het geen hier onder Eerbiedig werd aan„ „gewesen namentlijk de voorsteng de voor bramsteng te vernieuwen 3347 de groote Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften 1 tu Port twee 23 „ 0 Batavia. ao: 1738. wesende ng onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst— Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ een en 343 ie de groote marzrhaa de voor _o tevernieuw en de voor bram&= rhaa voorts buijten en binnen kalvaten brande, Ensmeren Dit is het geene hoog Edele heere en Heeren dat wij ondergetekendens op dien bodem bevonden en ontwaart hebben en naar welkers gedaane vertimmering zouden dien bodem gerustelijk in staat wesen omme te tren werwaarts uw hoog Edelens op gem bodem zullen gelieven te Projecteeren, Terwijl met diep schuldig lespect verblijven / onderstond:/ hoog Edele agtbaare Gebieden „de Heere en Heeren uw hoog Edelens onderdanige en trouw schuldige Dienaren /getekent / Claas Gij„ „sepijk vrij meulevelt Cornelis van Leeuwen Joost anker Bernardus Heijmans adriaan de graaff /in margine/ ontust den 22 decemb: A=o 1778. Aan zijn hoog Edelheijd den wel Edelen heere Adriaan 3009 de ratwoee Prrtuale N W Adriaan Valckenier Gouverneur Generaal mitsgaders de verdere Edelen Heere Raaden van Nederlands Jndia Hoog Edele agtbaare Gebiedende Heere en Heeren Ter ordre van den Commandeur en Equipagie M:r hugo veijsel hebben wij Claas Gijsepijl Baas Arij meuleveld Eerste Cornelis van Leeu wen tweedem=r der schieps Timmerlieden ons vervoegt Aant boort vant alhier ten Eij„ „land onrust ontlost Leggende en Jongst van Japan aangekomen tschip schellagh het selven benevens de daar op beschijdene officieren met namen Jacob Klapwijk. . . Schipper Claas Haagen. . . opperstuurman _o Claas Israel. . . . . . . onder Jngevolge het g'Eerde aanschrijvens van de hoog Edele Heere seventhienen Uijt het Patria 3348 de Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften 23 Batavia, ao: 1738. wesende ng onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst— Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge¬ bij den onder„ 343 3 1 — de dato 24 Febr: 1730 naaukeurig over al gevi„ „siteert ende besigtigt het zelve bevonden door„ gaans en sterk en verbintenisse te zijn Edog zal met believen van uw hoog Edelens noodsakelijk aen dien bodem vertimmert moeten werden het geene hier onder Eerbiedig word aangewesen namentl.: Eenige stukken inde dubbelkuijt te vernieuw en voorts binnen en buijten Calfaten branden en smeren Dit is het geene hoog Edele heere en Hteeren dat wij ondergetekendens op dien bodem bevonden en ont„ „waart hebben en na welkers gedaane vertimme ring zoude dien bodem gerustelijk instaat wese„ omme te varen werwaards uw hoog Edelens zul len gelieven te Projecteeren Terwijl met diep schuldig respect verblijven /onderstond:/ hoog Edele Agtbaare ge„ „biedende heere ie Heeren uw hoog Edelens onderda„ nige en Trouw schuldige Dienare /was getekent/ Claas Gijsepijl Vrij meulevelt Cornelis van Leeuwen Jacob Klapwijk Claas Haagen Esaas Israel / in margine / onrust, den 25 xber 1738 Aan
English
44 3349 To his High Nobility the Well Noble, Highly Honorable Lord Adriaan Valckenier Governor-General and the Noble Gentlemen Councilors of the Netherlands Indies High Noble, Highly Honorable Lord and Gentlemen: Pursuant to the honored order of your High Nobility and High Honors, we, the undersigned, proceeded to the ships Enkhuijsen and 't Casteel van Woerden, presently lying at this roadstead and recently assigned among others for the return voyage to the fatherland for the presiding Chamber of Amsterdam, and have thoroughly inspected them everywhere, finding those hulls generally tight and strong in the binding of beams, knees, and frames; yet, with your High Nobility and High Honors' approval, it is necessary to renew and repair what is specified in the attached findings of the master shipwright and his master craftsmen on the island of Onrust, together with the ship's Demonstration of resources, revenues, and expenditures two Portua 23 Batavia, ao: 1738. being under Sixty rix-dollars Thereafter in the Book first Native pieces of gold baptismal Rix-dollars Six thonisz: by the under- 3431 officers, dated 28 December of the past year and the 2nd of the current month of January. Upon completion of this work, these hulls will be fully capable (under the help of God) of safely undertaking their already projected voyage with such wares and merchandise as your High Nobility and High Honors shall be pleased to ordain. This being, High Noble, Highly Honorable Gentlemen, what we can report concerning those vessels, we hope thereby to have complied with the honored intention of your High Nobility and High Honors, remaining with deeply owed respect and utmost reverence, /beneath was written/ High Noble, Highly Honorable Lord and Gentlemen, /lower/ your High Nobilities' entirely humble servants, /was signed/ A:r Pool, I: v: Humstee, I: K: Hessingh, J:n Elewout, I:t Ankers, I: V:n Hennekelaar, I:s van Overbeek, Matthijs de Bruijman. In the margin: Batavia, the 16th of January, Ao 1739. Yet lower, hereby I confirm the same, /was signed/ Hugo Verijsel. To his High Nobility the Well Noble Lord Adriaan Valckenier Governor-General and the Councilors of the Netherlands Indies 3350 Governor-General together with the other Noble Gentlemen High Noble, Honorable, Commanding Lord and Gentlemen: By order of the Commander and Master of Equipage Hugo Verijsel, we, Claas Gijse Pijl, master Arij Jansz: Molevelt, first, and Cornelis van Leeuwen, second master craftsman of the shipwrights, have proceeded on board the ship Enkhuijsen, recently arrived from Japan and lying here unloaded at the island of Onrust, and together with the officers appointed thereto, namely: Adriaan Pool, skipper Christiaan Andriesz:, first mate Jan Plooij, second mate Pursuant to the honored letter from the High Noble Gentlemen Seventeen from the fatherland, dated 24 February 1730, we have thoroughly inspected and examined the same everywhere, and found it generally tight and strong in its framework. However, with the approval of your High Nobilities, it will be necessary to rebuild on this hull what is respectfully indicated here, namely: To renew some gunports The main mast The ditto top Some pieces in the sheathing Further, to clear out the limbers, inside and outside To caulk, pay, and grease. This is what we, the undersigned, have found and observed on this vessel, High Noble Gentlemen, and after the completion of said repairs, this vessel would safely be in a condition to sail wherever your High Nobilities shall be pleased to project for the said vessel, while remaining with deeply owed respect, /beneath was written/ High Noble, Honorable, Commanding Lord and Gentlemen, /lower/ your High Nobilities' humble and loyal servants, /was signed/ Claas Molevelt, Cornelis van Leeuwen, Adriaan Pool, Christiaan Andriesz, Jan Plooij. In the margin: Onrust, the 28th of December 1738. To his High Nobility the Well Noble Lord Adriaan Valckenier Governor-General together with C 2 3351 together with the other Noble Gentlemen Councilors of the Netherlands Indies. High Noble, Honorable, Commanding Lord and Gentlemen: By order of the Commander and Master of Equipage Hugo Verijsel, we, Claas Gijse Pijl, master Arij Meulevelt, [and the] second master craftsman of the shipwrights, have proceeded on board the ship Groenswaart, recently arrived from Malacca and lying here unloaded at the island of Onrust, and together with the officers appointed thereto, namely Cornelis Marinus, skipper, Cornelis Mangelaar, first mate, and Gerrijt Claas Kuijper, second mate, pursuant to the honored letter of the High Noble Gentlemen Seventeen from the fatherland, dated 24 February 1730, thoroughly inspected and examined the same everywhere, and found that, owing to its advanced age, it is mostly worn out; wherefore it is judged that this vessel is not worthy of any excessive rebuilding, but only some trifles in order to continue Demonstration of resources, revenues, and expenditures Portuaalel K India Batavia, ao: 1738. being under Sixty rix-dollars Thereafter in the Book first Native pieces of gold baptismal Rix-dollars Six thonisz: by the under- 343 23
Dutch transcription
44 3349 Aan zijn Hoog Edelheijt den wel Edelen groot agtbaaren Heeren Adriaan Valckenier gouverneur generaal Ende D'Edele Heeren Raaden van Nederlands India rel Hoog. Edele groot Agtb: Heere en Heeren op d' g'eerde ordre van uw hoog edele groot agtb: hebben wij onder geteekendens ons vervoegt op de te deser rheede zeijnde Jongst onder meerder naer het patria voor de precidiale Camer amster„ „dam aangelegde scheepen enkhuijsen en 't Casteel 11 van woerde deselve alomme naaukeurig gevisen„ „teert, en bevondene die bodems doorgans het ende sterk in verbinttenisse van balken banden ende kennisse, te zijn edog dient met blieven van uw hoog edele groot agtb: daar aan noodsakelijk to vernieuwt ende gerepareert, te werden 't gunt uijt gedrukt staat in de annex bevindings van den baas der scheeps, timmerlieden en zijne meester knegts ter Eijland onrust net en benevens de B3 scheeps Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften 1 twee Portua 23 Batavia, ao: 1738. wesende „ng onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 3431 scheeps Overheedene subdatis 28:' xber: a„o vergan„ „gen en 2:' deser, lopende, maand Januarij naer verrigting van het welke die bodem volkomen sin staat zullen zijn om (:onder de hulpe van 908:) hunne reets geprojexteerde rijse gerustelijk te kunnen ondernemen met zodanige waaren en coopman als uw hoog edele groot agtb: sullen gelieven te ordonneren. dit is het geene zeijnde hoog edele groot agtb: heeren dat wij van dien bodems, weten, te be„ rigten zoo verhoopen wij daar mede vanse g:' spra enteatie van uw hoog edele groot agtb: te heb„ „ben, voldaen de swy met diep schuldigen relboedi en uijtterste ontsag blijven /onderstond/. hoog Edele groot Agtbaare Heere en Heeren /lager/ uw hoog Edelens gants onderdanige dienaar /was getekend/ A:r Pool, I: v: humstee, ICk: Hessingh, J:n Elewout I:t Ankers, I: V:n Hennekelaar, I:s van overbeek, matthijs de Bruijman in margine/ batavia den 16:' Ianuarij A„o 1739 / dog lager hier mede confirmeere ik wij /:was getekend/ Hugo verijsel. — Aan sijn hoog Edelheijt den wel Edelen Heere Adriaan Valckender Gouverneur Portuaerlel Raaden van Nederlands India 3350 Gouverneur Generaal mitsgaders D' verdere Edelen Heeren Heeren ter ordre van dens Corpmandeur ten equipagie „meester hugo verijsel hebbende wij Claas gijse Pijl, baar Anij Iansz: molevelgt, eerste, en Corne„ lis van leeuwen; tweede meester knegt der scheepen tinanderlieden ons vervoegt an 't boort van het alhier ten Esland onrust ontloft leggende Jongst van Iapan aangekoomen 't schip en kuijsen hetselve, benevens de daer op bescheijdene officieren namentlijk— Adriaan Pool , - - - - - - schipper Cristiaan Andriesz: — - - - opperstuurman Ian plooij. — — onder _„o - Jn gevolge het g'eerde aenschryvens van de hoog edele heeren seventiene uijt het patria de dato 24:' februarij 1730„ nauwkeurig over al geviesen„ =teert ende besigtigt, het selve bevonden door gans het en strek in de verbinttenisse te zeijn Edog zal met blieven van hoog Edelens nood sakelijke Hoog Edele agtbaare gebiedende Heere en Aen Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften 1 0„ Batavia. ao: 1738. wesende „ng onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst— Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343. 23 aen den bodem vertimmeert moeten werden het geene hier eerbiedig word aengewesen, nametitle eenige schutpoorten d groote wast te vernieuwen d _„o mars eenige stucken in de dubbelheijt voorts de vullinge op neemen binne en buijten Calfaten braaden en smeeren dit is het geene hoog edele heeren dat wij on„ der geteekendens, op dien bodem bevondene en ontwaart hebben en na welkers gedanne vertimmering zoude dien bodem gerustelijk in staet, wesse omme te varen werwaarts uw hoog Edelens op gem: bodem sullen gelieven te projecteeren terwijl met diep schuldig respect blyve /onderstond/ hoog Edele agtbaare gebieden„ „de Heere en Heer en /Wager/ uw hoog Edelens onderdanige en trouw schuldige Dienaaren /was getekend Claas Molevelt, Cornelis van Leeuwen, Adriaan Pool Christiaan Andriesz Iana Plooij /in margine / onrust den 28:' xber: 1738. Aan zijn Hoog Edelheijt den wel Edelen Heere Adriaan Valckenier gouverneur generaal Mitsgaders C 2 3351 Mitsgaders D' verdere Edele Heeren Raaden van Nederlands Hoog Edele agtbaare Gebiedende Heere en Heeren ter ordre van den Commandeur en equipagie mees„ „ter hugo verijsel hebben, wij claas gijse pijl, baas Arij Meulevelt, tweede meesterknegt der scheeps, timmerlieden ons vervoegt aan 't boort van 't alhier aan 't Eijland onrust ontlost leggende Iongst van malacca aangekomene schip groens„ waart, en 't selven benevens de daar op bescheij„ dene officieren met namen Cornelis marunus, schipper, Cornelis mangelaar opperstuurman, en gerrijt Claas Kuijper onder _ d„o in gevolge het geerde aanschrijvens van de hoog edele heeren seventienen uijt het patria de dato 24:' februarij 1730, naaukeurig over al gevie„ senteert ende bevestigt, en bevonden den zelven door de hooge Jaaren over almeest affgevaaren te zeijn weshalven is 't dat g'oordeelt werd op gem: bodem geen Excessivelijk vertimmering waardig dan eenige kleenigheeden om verders op Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften „ Portuaalel K India Batavia, ao: 1738. wesende „ng onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343 23
English
to sail off to the east coast of Java. This is what we, the undersigned, can report concerning that vessel, which, if required, we could further confirm by oath, while we remain with deeply dutiful respect. (was written below) Right Honorable, Respectable, Ruling Lord and Gentlemen, (lower:) Your Right Honors' humble and faithfully dutiful servants. (was signed) Claas gijse Pijl, Arij Meulevelt, Cornelis van leeuwen, Cornelis marinus De Heere, Cornelis mangelaar, gerrit Claas Kuijper. (in the margin:) Onrust, the 30th of January 1739. To His Right Honor, the Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor General, together with the other Honorable Gentlemen, Councilors of the Netherlands East Indies. Right Honorable, Respectable, Ruling Lord and Gentlemen, By order of the Commander and Master of Equipage Hugo Verijsel, we, Claas gijse Pijl, Master Shipwright, and Arij Iansz: meulevelt, second journeyman of the shipwrights, having boarded the ship 't Casteel van woerden, lying here discharged at the island of Onrust and recently arrived from the fatherland, have, together with the officers appointed thereto, namely: Ian van Heemstee, Skipper, Iacob van breugel, Chief Mate, leendert van den berg, Second Mate, pursuant to the esteemed directive of the Right Honorable Gentlemen Seventeen from the fatherland dated the 24th of February 1730, thoroughly inspected and surveyed the same all over. We have found it to be generally tight and strong in its framework, yet, if it please Your Right Honors, it will be necessary to carry out repairs on that vessel, which are respectfully indicated below, namely: to renew the mainmast, some pieces in the sheathing, further, to calk, bream, and tallow the outside and inside. This is what we, the undersigned, 3352 [illegible] the undersigned, have found and observed on that vessel, and after which completed repairs that vessel would be in a safe condition to sail wherever Your Right Honors shall be pleased to project. While we remain with deeply dutiful respect, (was written below) Right Honorable, Respectable, Ruling Lord and Gentlemen, (lower:) Your Right Honors' humble and faithfully dutiful servants. (was signed) Claas gijse Pijl, Arij Iansz: meulevelt, Cornelis van leeuwen, Ian van Heemstee, Jacob van breugel, leendert van den berg. (in the margin:) Onrust, the 2nd of January 1739. To His Right Honor, the Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor General, together with the other Honorable Gentlemen, Councilors of the Netherlands East Indies. Right Honorable, Respectable, Ruling Lord and Gentlemen, By order of the Commander and Master of Equipage Hugo Verijsel, we, Claas gijse Pijl, Master Shipwright, Arij Iansz meulevelt, first, and Cornelis van leeuwen, second journeyman of the shipwrights, went on board the ship Castricum, lying here discharged at the island of Onrust and recently arrived from the Coromandel Coast. Together with the officers appointed thereto, namely: Jan van Arras, Skipper, Hendrik Woldse Brouwer, Chief Mate, Hans Knaap, Second Mate, pursuant to the esteemed directive of the Right Honorable Gentlemen Seventeen from the fatherland dated the 24th of February 1730, we have thoroughly inspected and surveyed the same all over and found it to be tight and strong in its framework for years. Yet, if it please Your Right Honors, it will be necessary to carry out repairs on that vessel, which are respectfully indicated below, namely: some planks in the lower deck, to set sixteen hanging knees on the same, the galley, some ports, to set and renew eight hanging knees on its upper deck, a beam under the forecastle, the cutwater, a part of the sheathing on the outside, further, [illegible] 3353 [illegible] further, to calk, bream, and tallow the inside and outside, after which repairs we believe that vessel will have been put in condition to be employed to one of the nearby western trading posts. This is what we, the undersigned, have found and observed on that vessel, which, if further required, we could confirm by oath, while we remain with deeply dutiful respect. (was written below) Right Honorable, Respectable, Ruling Lord and Gentlemen, (lower:) Your Right Honors' humble and faithfully dutiful servants. (was signed:) Claas gijse Pijl, Arij Iansz: Meulevelt, Cornelis van leeuwen, Ian van arras, Hendrik Woldse Brouwer, Hans Knaap. (in the margin:) Onrust, the 27th of January 1739. To His Right Honor, the Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor General, together with the other Honorable Gentlemen, Councilors of the Netherlands East Indies. Right Honorable
Dutch transcription
op Javaas oostkust aftevaaren dit is het geene hoog edele heere, en heeren dat wij ondergeteekendens van dien bodems weeten te berigten het gunt wij des gerequireerd werden de nader met eden zoude kunnen bevestigen, ter wijl met diep schuldig respect blijve /onderstond/ hoog Edele agtbaare gebiedende Heer en Heeren /lager:/ uw hoog Edelens onderdanige en trouw schuldige Dienaeren /was getekend/ Claas gijse Pijl, Arij Meulevelt, Cornelis van leeuwen Cornelis marinus De Heere, Cornelis mange„ „laar gerrit Claas Kuijper, / in margine /onrust den 30:' Januarij 1739— Adriaan Valckenier, gouverneur generaal mitsgaders D' Verdre Edele Heeren Raaden van Nederlands India re Hoog Edele agtb:r gebiedende Heere en Heeren Aan zijn hoog Edelheijt den wel Edelen Heere ter ter ordre van den Commandeur en equipagie mees„ ter hugo verijsel hebben wij Claas gijse pylbaas Arij Iansz: meulevelt tweede meesterknegt der scheepstimmerliedene aan boort van alhier ten Eijland onrus t ontlost leggende en Jongst uijt 't patria aangekomen 't schip 't Casteel van woerde het selve benevens de daar op bescheijdene officieren, met namen- Ian, van Heemstee- schipper Iacob van breugel- opperstuurman leendert van den berg- onder in gevolge het g'eerde aanschrijvens, van de hoog edele heere seventiene uijt 't patria de dato 24:' februarij, 1730, naaukeurig over afgevisiteert ende besigtigt het selve bevonden doorgans het en strek in verbintenisse, te sijn, Edog zal met blie„ „ven van uw hoog edelens noodsakelijk aan dien bodem vertimmert moeten het geene hier onder eerbiedig wordaarge wesen namentlijk, d' groote mast— -. - te vernieuwen eenige stucken in de dubbelheijt „voort buyten en binnen Calfaten brande en smeeren dit is het geene hoog Edele en heeren dat wij 3352 ondergeteekende ns Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften 1 „ Batavia. ao. 1738. wesende „ng onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bijden onder„ 3431 Portuaan ll N 1 23 ondergeteekendens op dien bodem bevonden en ontwaert hebben en, nawelkers gedanne vertimmer„ „ing zoude dien bodem gerustelijk in staat wese omme te varen, werwaarts uw hoog edelens zullen gelieven te projecteeren, ter wijl met diep schuldige respeckt blijve, / onderstond hoog Edele agtbaare gebiedende Heere en Heeren /lager/ uw hoog Edelens onderdanige en trouw schuldige dienaaren /was getekend/ Claas gijse Pijl, Arij Iansz: meulevelt, Cornelis van leeuwen, Ian van Heemstee, Jacob van breugel, leendert van den berg /in margine/ onrust den 2:' Januarij 1739. Aan zijn hoog Edelheijt den wel Edelen Heeren Aanaan valckenier gouverneur generaal mitsgaders D' verdre Edelen Heeren Raaden van Nederlands India hoog Edele agtbaare gebiedende heere en ter Heeren ter ordre van den Commandeur en equipagie meester hugo verijsel hebben wij Claas gijse Pijl baas, Arij Iansz meulevelt, eerste, en, Cornelis van leeuwen tweede meesterknegt der scheeps tim„ merlieden ons vervoegt aan 't boort van 't alhier ten Eijland onrust ontlost leggende, en Jongst van de cust cormandel aangekomen 't schip Castricum het selve benevens de daar op bescheijdene, officier en met namen — Jan van Arras schipper Hendrik Woldse Brouwer oppestuurman Hans Knaap onder _„o — in gevolge het g'eerde aanschrijvens van d' hoog edele heeren seventiene uijt het patria de dato 24:' februarij 1730, nauwkeurig over al gevisiteert, ende besigtigt 't zelve bevonden hegt, en sterk in verbinttenisse te zeijn Jaaren, edog sal met blieven van haar hoog edelens noodsakelijk aan dien bode invertimbuert moeten werden het geene hier onder eerbiedig wort aangewesen namentlijk eenige planke in 't onderste dek- sestien winkelknies op _„o _„o te sette. - . d'combuijs eenige poorten - - - - - - - agt winkelknies op sijn bove dek te sette en te vernieuwe een balk onder d' bak - - - - - - - - d' scheg - - - - - -- 2 d'dubbelhuijt van buijte een gedeelte — voorts Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften 1 1 twee Porturalel der 23 3353 Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ ing onder ao: 1738. wesende Batavia. 343 - - — voorts binne en buyte callefate brande, en smeeren, na welkers reparatie wij vermeijne dien bodem sal sijn instaat gebragt; om ^ tot eene der na bij gelegene westeree Comptoiren geemploijeert, te kunne werden dit is het geene hoog edelen heere, en heeren dat wij ondergetekendens op dien bodem bevonden en ont„ waart hebben het gund wijders gerequireerd wer„ dende nader met eeden soude kunne bevestigen ter wijl met diep schuldig respekt blijve /(onderstond) hoog Edele agtbaare gebiedende Heere en Heer en /:lager:/ uw hoog Edelens onderdanige en trouw schuldige Dienaaren. /was getekend:/ Claas gijse Pijl, Arij Iansz: Meulevelt, Cornelis van leeuwen, Ian van arras, Hendrik Wolase, Brouwer, Hans Knaap, /in margine:/ onrust den 27:' Januarij 1739. — Aan zijn hoog Edelheijt den wel Edele Heere Adriaan Valckenier gouverneur generaal mitsgaders D' Verdre Edele Heeren Raaden van Nederlands India hoog
English
Right Honourable, Venerable, Commanding Lord and Lords. 3354 By order of the Commander and Equippage Master Hugo Verijsel, we, Claas Gijsepijl, master, Arij Jansz Meulevelt, first, and Cornelis van Leeuwen, second journeyman of the ship carpenters, have betaken ourselves on board the ship Valkenisse, lying here at the island of Onrust discharged and recently arrived from Macasser. In accordance with the esteemed directive of the Right Honourable Lords Seventeen from the fatherland, dated 24 February 1730, we have accurately inspected and surveyed the same throughout, together with the officers appointed thereto, namely Cornelis Walle, skipper, Claas Nieroop, chief mate, and Claas Roelofsz, second mate. We found the same generally to be still reasonably strong in its fastenings, considering its years. However, with your Right Honours' pleasure, the following repairs will necessarily have to be carried out on that vessel, which are respectfully noted below, namely: a mainmast a mizzenmast a bowsprit a fore topmast a fore topsail yard some pieces in the broad strake the greater part of the sheathing to be repaired further: Demonstration of the means, revenues, and expenditures Portuaerlede k 23 Batavia, anno 1738. being [illegible] sixty rijksdaalders subsequently [illegible] first indigenous pieces gold baptismal Rijksdaalders six thonisz: [illegible] with the under- 343 further caulking inside and out, burning off, and greasing. After which repairs have been completed, that vessel is judged capable of undertaking a voyage to Macasser under God’s blessing with peace of mind. This is what we, the undersigned, have found and observed on that vessel, which, if required, we could further confirm under oath, whilst we remain with deeply dutiful respect. Below stood: Right Honourable, Venerable, Commanding Lord and Lords. Lower: Your Right Honours' humble and dutiful servants. Was signed: Claas Geijsepijl, Arij Meulevelt, Cornelis van Leuwen, Cornelis Malle, Claas Nieroop, Claas Roeloffsz. In the margin: Onrust, the 26th of January, anno 1739. By order of His Right Honour, the Most Noble, Grand, Venerable Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, and the Noble Lords Councillors of the Netherlands Indies. We, the undersigned, have betaken ourselves on board the ship Leijduijn, lying in this roadstead and recently destined for Ternate, and have likewise accurately inspected the same throughout. We found that vessel, according to the recent repairs made thereto as appears from the annexed report of the master ship carpenter and his journeymen here, together with the ship's authorities, under date of 30 January last, to be generally firm and strong in the fastenings of beams, knees, and riders, so as to be able to sail without defect. So that we, subject to the correction of Your Right Honours' much wiser judgement, deem that vessel fully capable, under the help of God, of undertaking its already intended voyage with peace of mind, with such goods and merchandise as Your Right Honours shall be pleased to order. Wherewith we remain, with the very utmost deference and high esteem. Below stood: Your Right Honours' humble and dutiful servants. Signed: Abraham van Reijnoij, A:n Catenveld, N:s Schuttrot, Jan van Arnas, Claas Gregoot. And due to the indisposition of the master, signed only by Jacob van Overbeek and Mattijs de Bruijn. To the side stood: Batavia, the 17th of February 1734. And below that: Wherewith we hereby confirm: signed: H: Verijsel and D: Quast. To His Right Honour, the Most Noble Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, together with the other Noble Lords Councillors of the Netherlands Indies. Right Honourable, Venerable, Commanding Lord and Lords. By order of the Commander and Equippage Master Hugo Verijsel, we 3356 we, Jacob van Hennekelaar, master, Jacob van Overbeek, first, and Matthijs de Bruijn, second journeyman of the ship carpenters, have betaken ourselves on board the ship Leijduijn, lying discharged here in the roadstead and recently arrived from the fatherland. In accordance with the esteemed directive of the Right Honourable Lords Seventeen from the fatherland, dated 24 February 1730, we have accurately inspected and surveyed the same throughout, together with the officers appointed thereto, namely Dirk Quast, skipper, Pieter Valk, chief mate, Jacob Hen, second mate, and Abraham Klijn, ship carpenter. We found the same generally to be firm and strong in its fastenings, and that nothing is lacking, except solely: caulking inside and out, burning off, and greasing. This is what we, the undersigned, have found and observed on that vessel, which Demonstration of the means, revenues, and expenditures 1 Portua 23 0 Batavia, anno 1738. being [illegible] sixty rijksdaalders subsequently [illegible] first indigenous pieces gold baptismal Rijksdaalders six Athonisz: [illegible] with the under- ren - 3431 1 which, if required, we could further confirm under oath, whilst we remain with deeply dutiful respect. Below stood: Right Honourable, Venerable, Commanding Lord and Lords. Lower: Your Right Honours' humble and dutiful servants. Signed: J: V: Hennekelaer, Jacob van Overbeek, Matthijs de Bruijn, D: Quast, P: Valk, Jacob Hen, Abraham Klijn. In the margin: Batavia, the 30th of January, anno 1739. By order of His Right Honour, the Most Noble, Grand, Venerable Lord Adriaan Valckenier, Governor-General, and the Noble Lords Councillors of the Netherlands Indies. We, the undersigned, have betaken ourselves to the [vessel] lying in this roadstead 11 3: ƒ v
Dutch transcription
hoog Edele agtbaare gebiedende heere 3354 - en Heeren ter ordre van den Commandeur en Equipagie meester hugo verijsel hebben wij Claas gijse pyl baas, Arij Iansz: meulevelt, eerste en Cornelis van leeuwen tweede meester knegt der scheeps timmerlieden ons vervoegt aan 't boort van 't alhier aan 't eyland onrust ontlost leggende Iongst van macasser aangekomen 't schip valke„ „nisse, het zelve benevens de daar op bescheijdene officieren met namen Cornelis walle schipper, claas nieroop opperstuurman, Claas Roelofsz onderstuurman, in gevolge heto g'eEerde aanschrijvens van de hoog edele heere seven„ tienen uijt het patria de dato 24:' februarij 1730. nauwkeurig over al gevisiteert, ende besigtigt het selve bevonden deurgans nog redelyk sterck in verbintenisse te zijn, naa zijne Jaaren Edog sal met believen van uw hoog edelens nood sa„ kelijk aan dien bodem vertimmert moeten. werden het geene hier onder eerbie„ dig werd aangesen namentlijk een groote mast - - - - - - - -- een bezaans mast - - - - - - - - een boegsprist - - - - - - - - - - - een voorstengh - - - - - - - - - een voor marsz rhaa - - - - - - eenige stucken in d' breede gang. - het meeste gedeelte van d' dubbelhuijt te vertimmeren voorts Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften Portuaerlede k 23 Batavia, ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343 voorts binnen en buijten kalfaten, branden en smeeren, na welkers gedanne reparatie dien bodem in staat geoordeelt werd omme een reijse naar macasser onder godes zegen gerustelijk te konnen onderriten dit is het geene hoog edele heere: en heeren dat wij ondergetekendens op dien bodem be„ „vonden en ontwaard hebben het gunt wij des gerequireerd werdende nader met ede zoude kunnen bevestigen terwijl met diep schuldig respect blijven /:onder stond:/ Hoog Edele Agtbaare Gebiedende Heere en Heeren /Lugger:/ uw: hoog Edelens onderdanige en trouw schuldige dienaaren /:was ergetekent:/ Claas Geijse pijl/ Arij Meulevelt, Cornelis van Leuwen, Cornelis Malle, Claas Nieroop, Claas Roeloffsz:, Jn margine/ onrust den 26 Ianu: Ao 1739— - Ter ordre van zijn Hoog Edelheijt Den wel Edelen Groot Agtb: heere Adriaan Valtkeniem Gouverneur Generael; Ende D'Edele Heeren raaden van Nederl:s India— e hebben wij Ondergeteekendens ons vervoegt op de te deeser rheede zijnde Iongst naer ternaten aangelegt schip Leijduijn, mitsgs deselve alomme Exactelijk Gevisenteert En bevonden die boodem na de Iongst daer aen Gedaanen vertimmering blijkens de anexe bevinding van den baas der scheeps timmerlieden En zijne meesterknegte alhier, met en benevens de scheeps overheeden, sub datt:s 30:' Januarij J:S:, door gaans hegt Ende sterk in verbintenissen van balcken banden En de Ruies: te zijn om sonder manquement te kunnen varen oversulx dat wij onder corectie van uw hoog Ed=s (:veel wijser oordeel die bodem, volkomen in staet agter (:om onder de hulpe van God:) zijn reets gepropetiteerde rijse Gerustelijk te kkonnen Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften Portuae 23 „ Batavia, ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders ervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 24 5355 3431 -.„ „„ „ konnen, onderneemen, met soodaanige waa„ ren en Coopmanschappen als uw hoog Edelens zullen gelieven te ordonneeren Waermede wij met de aller uijtterste Eerbief en hoog agting blijven /:Onderstond/ UW hoog Edelens onderdanig en trouwschuldige aeren „, abraham van Reijnoij /:geteek:t/„ A:n Caterwveld, N:s Schuttrot. ijan van arnas, Claas Gregoot En door indispotie van den baas teekent Eenelijk Jacob van Overbeek En Mattijs de Bruijn /:ter zijden stond:/ Batavia den 17:' febr: 1734. /en daaronder/ waer onder Confirmeere wij ons hier mede /:getek:/ H: Verijsel en DEuast Aan zijn hoog Edelheijt den wel Edelen Heere de Adriaan Valckenier t Gouverneur generael mitsgad=s de verdere Edele heeren raaden „nederlands van „ India Hoog Edele agtb: Gebiedende Heere en Heeren ter ordre van den Commandeur En Equipagie meester Hugo verijsel hebben 3356 hebben wij Iacob van hennekelaar baas Jacob van overbeek Eerste en matth=s De bruijn tweede meester knegt der scheeps timmerliedens ons vervoegt genet boort: van 't: alhier ter rheede ontlost Leggende, Jongst uijt het vaderlant aengekomene schip Leijduijn het zelve benevens de daer op beschijde ne officieren met naamen Dirk quast schipper Pieter valk opperstuurman Jacob Den onderstuurman en den scheeps timmerman Abraham klijn Ingevolge het g'Eerde aenschrijvens van der hoog Edele Heeren seventhienen uijt het patria de dato 24.:' feb: 1730: naruwkeurig over al gevisiteert Ende be„ „sigtigt, het selve bevonden, deurgaans :hegt en de sterk in verbintenisse te sijn ende daer aen niets manqueerende is, als Enelijk — binnen en buijten kalvaten, branden en smeeren dit is het geene hoog Edele heeren En heeren dat wij ondergeteekendens op dien boodem bevonden en ontwaert hebben, het gunt Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften 1 Portua 23 0 Batavia, ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses Athonisz: ge¬ bij den onder„ ren - 3431 1 Gunt wij des gerequireerd hedelen, werdende naader met Eede zoude kunnen beves„ „tigen, ter wijl met diep schuldig respect verblijven /:onderstond:/ Hoog Edele Agtbare Gebiedende Heere en Heeren /:lager/ uw Hoog Edelens onderdanige en trouwschuldige Dienaeren /:getek:/ J: V: Hennekelaer, Jacob van Overbeek, matthijs debruijn, D: Euast P: Valk, Jacob Hen Abraham klijn, /:in margine/ batavia den 30:en Januarij A:o 1739: Ter ordre van zin Hoog Edelheyt den wel Edelen groot — Agtbaare Heere Adriaan Valckenier gouverneur generaal Ende Edele Heeren Raden van nederlands Jndia Hebben wij ondergeteekendens ons vervoegt op de te deeser rheede zijnde 11 3: ƒ v
English
being the ships Valkenesse and Haaften, recently arrived from Maccasser, and having inspected the same everywhere thoroughly, and found that those vessels, after the rebuilding recently performed on them, as appears from the findings already delivered on 10 February and the annexed findings under dates of 16 January and 6 February last; by the master of the ship carpenters and his master journeymen both at the island Onrust and here, alongside the ship's officers, to be generally firm and strong in the connections of beams, binders, and knees, so as to be able to sail without defect; so that we, subject to the correction of your High Noblenesses' far wiser judgment, deem those vessels fully capable (with God's help) of safely undertaking their already projected voyage with such goods and merchandise as your High Noblenesses shall please. Demonstration of the means, revenues, and expenditures [illegible] two [illegible] 23 Batavia, anno 1738, being [illegible] under sixty thalers, subsequently [illegible] first native pieces gold baptism [illegible] rix-dollars six [illegible] by the under [illegible] 3357 343 To his High Nobleness, the Right Honorable Lord Adriaan Valckenier, Governor General, along with the further Noble Lords Councillors of the Netherlands Indies, High Noble, Honorable, Commanding Lord and Lords. By order of the Commander [illegible] please to command, with which we remain with the utmost respect and high esteem, underneath stood: Your High Noblenesses' humble and dutiful servants, was signed: Cornelis Wallen, G:s Oudemans, S:t Sam, N:s Jongman, due to the indisposition of the master signs alone, Jacob van Overbeek, Matthijs de Bruijn, in margin: Batavia, 6 March A:o 1739. Underneath stood: Herewith I confirm, was signed: H:s Verijsel. and Master of Equipment Hugo Verijsel, we, Jacob van Hennekelaar, master, Jacob van Overbeek, first, and Matthijs de Bruijn, second master journeyman of the ship carpenters, repaired on board the ship Haaften, lying discharged here in the roads, recently arrived from Maccasser, and have, together with the officers appointed thereto, by name Pieter de Groot, skipper, Lourens Roos, chief mate, Poulus Raghouw, second mate, and the ship's carpenter Dirk Jonasz, pursuant to the esteemed written instructions from the High Noble Lords Seventeen from the Fatherland dated 24 February 1730, thoroughly inspected and examined the same everywhere, and found the same to be generally still reasonably strong in connection, considering its advanced age, yet with the pleasure of your High Noblenesses, repairs will necessarily have to be made to that vessel, which are respectfully indicated below, namely: Demonstration of the means, revenues, and expenditures [illegible] 3358 [illegible] Batavia, anno 1738, being [illegible] under sixty thalers, subsequently [illegible] first native pieces gold baptism [illegible] rix-dollars six [illegible] by the under [illegible] 343 23 two [illegible] 80. is indicated, namely: to place two cheeks against the mainmast, some pieces in the sheathing, some pieces in the wide filling, some gunports, some pieces in the wales, some sills in the upper-deck ports, some planks in the upper deck, some pieces in the strake of the upper deck, the strake and waterways of the half-deck, a main topsail yard, a main topgallant mast, a fore ditto ditto, further caulking, breaming, and greasing inside and outside. After the performance of which repairs that vessel is judged capable of safely undertaking the already projected voyage from here to Maccasser under God's blessing. This is what, High Noble Lord and Lords, we the undersigned have found and observed on that vessel, which [illegible] we, if required, could confirm further on oath, while with profound respect we remain, underneath stood: High Noble, Honorable, Commanding Lord and Lords, lower: Your High Noblenesses' humble and dutiful servants, was signed: due to indisposition of the master Jacob van Hennekelaar, signs Jacob van Overbeek, Matthijs de Bruijn, Pieter de Groot, Lourens Roos, P:s Rachouw, lower: signed with a mark and written alongside, of Dirk Jonasz, in margin: Batavia, 6 February 1739. By order of his High Nobleness, the Right Honorable, Highly Esteemed Lord Adriaan Valckenier, Governor General, and the Noble Lords Councillors of the Netherlands Indies, we the undersigned have repaired on board the ship Westerdijxhoorn, recently arrived at these roads Demonstration of the means, revenues, and expenditures [illegible] 23 3359 Batavia, anno 1738, being [illegible] under sixty thalers, subsequently [illegible] first native pieces gold baptism [illegible] rix-dollars six [illegible] by the under [illegible] 3431 9 from Maccasser, and have inspected the same everywhere thoroughly, and found that vessel, after the rebuilding recently performed on it, as appears from the annexed findings of the master of the ship carpenters and his master journeymen here, alongside the ship's officers, dated 3 of this month, to be generally firm and strong in the connections of beams, binders, and knees, so as to be able to sail without defect; so that we, subject to the correction of your High Noblenesses' far wiser judgment, deem that vessel fully capable (with the help of God) of safely undertaking its already projected voyage, with such goods and merchandise as your High Noblenesses shall please to command; with which we remain with the utmost respect and high esteem, underneath stood: Your High Noblenesses' humble and dutiful servants, was signed:
Dutch transcription
zijnde, Iongst na maccasser aangelegde scheepen valkenesse en Haasten, misgaaders deselve alomme exacte„ „lijk gevisenteerd, en bevonden, die boo„ dens, naa de Iongst daar aangedaane vertimmering, blijkens de bereets, op den 10 Februarij overgegeveng; ende an„ „next bevinding zubdattos 16 Ianuarij en 6 februarij Iongst leeden; door den baas der scheeps timmerlieden, en haare meesterknegts soo ten ijlande ourust als alhier, beneevens de scheeps over„ „heeden, doorgaans, hegt ende sterk in verbintenissen van balken; banden ende knies te zijn, om sonder man„ „quement te kunnen vaaren, over„ „zulx dat wij onder correctie, van uw Hoog Edelenes, veel wijser, oordeel, die boodems volkoomen, in staat agten om (onder de hulpe van g0d:) kunne reets geprojecteerde rijse gerustelijk te kunnen onderneemen met soodanige waaren en Coopman„ „schappen als uw Hoog Edelens sullen gelieven. Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften V K -. te tele twee Portuaar 23 de Batavia, ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge¬ bij den onder„ en - 3357 343 Aan zijn hoog Edelheijt den wel Edelen heere Adriaan valckenier gouverneur generaal, Mitsgaders de verdere Edelen heeren Raaden van Nederlands India Hoog Edele agtbaare Gebiedende heere en heeren -— Ter ordre van den Commandeur gelieven te ordonneeren— waar meede wij met de alder uijterste Eeerbied, en hoog agting blijven, /onder„ „stond:/ uw Hoog Edelens onderdanige en Trouwschuldige Dienaaren /was¬ „getekent:/ Cornelis wallen G:s oude mans S:t Sam N:s Iongman, door indispositie van den baas tijkent alleen, Iacob van overbeek Matthijs de bruijn /:in margi„ „ne:/ Batavia Den 6 maart A:o 1739 ./:onderstond:/ Hier mede Confirmeere ik mij; /:was getekent:/ H=s verijsel — en Equipagiem=r Hugo verijsel hebben wij Jacob van Hennekelaar baas Jacob van overbeek. Eerste, en matthijs de bruijn tweede meester„ „knegt der scheeps timmerlieden ons vervoegt aan 't boort van 't alhier ter rheede ontlost leggende Iongst van maccasser aangekoomene schip Haaften„ het zelve benevens de daar op bescheij„ „dene officieren, met naamen Pieter de Groot schipper lourens roos opperstuu„ man Poulus Raghouw onderstuur„ „man En den scheepstimmerlieden Dirk Ionasz: Ingevolge het g'Eerde te aanschryvens van de hoog Edele heeren se„ seventhienen uijt het patria de dato 24: 7 feb: 1730 nauwkeurig over al gevisi„ „teert, ende bezigtigt het zelve bevon„ „den, deurgaans nog redelijk sterck in verbintenisse te zijn, na zijne hooge Iaaren, Edog zal met believen van uw hoog Edelens noodtsakelijk aandien bodem vertimmerd moeten werden, het geene hier onder Eerbiedig werd. Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften krken deezen 3358 les Batavia. ao: 1738 wesende „ng onder Sestigh daalders ervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343 23 twee Portuaer 80. — werd aan gewesen namentlijk — twee wangen tegen de groote mast te zetten.. . . . . . . . . . Eenige stucken in de dubbelhuijt„ Eenige stucken in de breede vulling.. Eenige geschut poorten. - . - - - -.. Eenige stucken inde berghouten. . . .. Eenige drumpels in de bove dek poorte. - Eenige planken in 't boove deck. .. Eenige stucken in de zetgang van 't booedek de zetgang en lijfhouten van 't hal vedeckt, een groot marse rhaa, - - - - - -- Een groot bramstengh, . . . . . . . . Een voor d:o _:o . . . - - - voorts binnen en buijten kalsaten bran„ „den en smeeren. — naa welkers gedaane reperatie dien bodem Instaet geoordeelt werd, omme de reets geprojecteerde reijse van hier naar maccasser onder Godes zegen gerus„ „telijk te konnen ondermeenen— Dit is het geene hoog Edele heere en heeren dat wij onder getekendens op dien bodem bevonden en ontwaard hebben, het 6 gemt.. te nieuw gunt wij des gerequireerdt werdende nader met eede zoude kunnen bevestigen terwijl met diepschuldig respect verblijven /:onderstond:/ hoog Edele agtbaare gebiedende heere en heeren /:lager:/ uw hoog Edelens onderdanige en trouwschuldige Dienaaren /:was„ getekent:/ mits indispositie van den baas Iacob van hennekelaar,/ tekrent Iacob van overbeek Matthijs De bruijn pieter De groot lourens roos P:s Rachouw, /:lager /:getekent met een t en ter zeijde gesz:, van dirk Ionasz: /:in margine/ Batavia den 6 Februarij 1739 Ter ordre van sijn Hoog Edelheijt Den wel Edelen Groot agtb: Heere Adriaan Valckenier gouverneur Generaal Ende D Edele Heeren Raaden van nederlands India hebben wij ondergetekendens ons ver„ „voegt op de te deser rheede zijnde Iongst. Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften kokent reven Portuae 23 3359 Batavia. ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders ervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst. Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 3431 9 Iongst naar maccasser aangelegt schip westerdijxhoorn mitsgaders deselve alomme exactelyk gevisenteert en bevonden die bodem, naar de Iongst daar aan gedane vertimme„ „ring blijkens de annexe bevinding van den baas der scheeps-timmerlie„ „den Ende zijnde meester knegts alhier, benevens de scheeps overheden dato 3. ' deser, doorgaans legt ende sterk in verbintenissen van balken ban„ „den ende knies te zijn om sonder mancquement te kunnen vaaren over„ „sulx dat wij onder Correctie van uw hoog Ed=s veel wijzer oordeel, die bodem volkomen in staat agter Com onder de hulpe van God:) zijn reets geprojecteerde reijze gerustelik te kunnen ondernemen, met zoo„ „danige whaaren, en Coopmansz: als uw hoog Ed=s zullen gelieven te ordonneeren waarmede wij met de alderuijtter „ste Eerbied en hoog agting blyven /:onderstond:/ uw hoog Edelens onder„ „danige en Trouwschuldige dienaren /: was getekent:/
English
3360 N signed: N. Jongman, G. Oudeman, Cornelis van der Hoeve, L. Roosboom, D. Tuijneman, on account of the indisposition of master carpenter Jacob Hennekelaar signed solely by Jacob van Overbeek, Mattijs de Bruijn. In the margin: Batavia, 17 March Anno 1739. Further below: Herewith I confirm. Signed: P. Verijsel. To His High Excellency, The Right Honourable Sir— Adriaan Valckenier, Governor-General, together with the further Honourable Gentlemen Councillors of the Netherlands Indies, Right Honourable, Respectable, Ruling Lord and Gentlemen— By order of the Commander and Equipage Master Hugo Verijsel, we, Jacob van Hennekelaar, master Jacob van Overbeek, first, and Demonstration of the means, revenues, and expenditures of the two Portuguese [illegible] of this [illegible] Batavia, Anno 1738. being [illegible] under sixty rix-dollars further [illegible] first native pieces of gold christening Rix-dollars Six thonisz. [illegible] with the under[illegible] 343. 23 51 80. — and Mattijs de Bruijn, second master journeyman of the ship carpenters, have repaired on board the ship Westerdijxhorn, lying here in the roads, having recently arrived from Java, and having inspected and examined the same together with the officers assigned thereto, namely Nicolaas Jongman, master, Jan Backer, chief mate, Andries Aalsburg, second mate, and the ship's carpenter Dirk van Vissum, pursuant to the esteemed instruction of the Right Honourable Gentlemen Seventeen from the patria dated 24 February 1730, thoroughly throughout, and found the same throughout still reasonably strong and tight in joints considering her high years; yet, if it pleases your High Excellencies, there must necessarily be repaired on that vessel that which is respectfully indicated below, namely: [illegible] namely: to place three fishes on the mainmast some pieces in the double sheathing . . . some pieces in the wales . . . some pieces in the broad strake . . . some gun ports - - - - - - - some pieces in the narrow filling . . . some pieces in the spar timbers - - some upper-deck sills - - - - - - - - - to be renewed some pieces in the sheer strake of the upper deck - - - - - - - - - - - the spritsail yard . . . . . . . . . upper do. do. - - - - - - - mizzen topsail yard . . . . . . . . . main topsail yard - - - - . . . spritsail topmast . . . . . . . . . further to caulk, bream, and grease inside and out; after which repairs having been completed, that vessel is deemed to be in a condition to safely undertake, under God's blessing, the already planned voyage from here to Makassar. This is what, Right Honourable Lord and Gentlemen, we the undersigned have Demonstration of the means, revenues, and expenditures [illegible] [illegible] Portuguese 23 3367 Anno 1738. being [illegible] under Sixty rix-dollars further [illegible] first native pieces of gold christening Rix-dollars Six thonisz. [illegible] with the under[illegible] renewed Batavia, 343 80. — found and perceived of that vessel, which we, if required, could further confirm under oath; while we remain with profound respect, below: Right Honourable, Respectable, Ruling Lord and Gentlemen, lower: Your High Excellencies' humble and dutiful servants, signed: on account of the indisposition of the master carpenter Jacob van Hennekelaar, signed by Jacob van Overbeek, Matthijs de Bruijn, N. Jongman, Jan Backer, A. Halberg, D. W. Velsem. In the margin: Batavia, 3 March Anno 1739. To His High Excellency, The Right Honourable, Highly Respectable Sir, Adriaan Valckenier, Governor-General, and the Most Honourable Gentlemen Councillors of the Netherlands Indies. Right Honourable, Highly Respectable Lord and Gentlemen— 3362 Upon the esteemed order of your High, Highly Respectable Excellencies, we the undersigned have repaired on board the ships lying in these roads, recently designated for the patria, namely Ruijven, for the presidial Chamber Amsterdam, and Jonge Willem, for the Chamber Zeeland; having thoroughly inspected both of them, and found those vessels generally sound and strong in the joints of beams, knees, and stays; yet, if it pleases your High, Highly Respectable Excellencies, there must necessarily be renewed and repaired thereon that which is stated in the annexed findings of the masters of the ship carpenters and their master journeymen, both here and at the island of Onrust, together with the ship's commanding officers, dated 13 and 15 February last; after the completion of which those vessels will be fully capable to safely undertake (under the help of God) their already planned voyage, Demonstration of the means, revenues, and expenditures two Portuguese [illegible] of this sheet, Batavia, Anno 1738. being [illegible] under Sixty rix-dollars Further [illegible] first native pieces of gold christening Rix-dollars Six thonisz. [illegible] with the under[illegible] ten 343. 23 with such goods and merchandise as your High, Highly Respectable Excellencies shall be pleased to order. This being what, Right Honourable, Highly Respectable Gentlemen, we have to report concerning those vessels, we hope therewith to have fulfilled the honoured intentions of your High, Highly Respectable Excellencies; wherefore we remain with profound respect and utmost awe, below: Right Honourable, Highly Respectable Lord and Gentlemen, lower: Your High Excellencies' humble and dutiful servants, signed: A. Catersveld, A. Marsereen, H. Jam, D. Tuijneman, Claas Gregoort; through the indisposition of the master carpenter Jacob Hennekelaar, signed: Jacob van Overbeek, Matthijs de Bruijn. In the margin: Batavia, 24 March Anno 1739. Further below: Herewith I confirm. Signed: P. Verijsel. To.
Dutch transcription
3360 N /:was getekent:/ N=s Iongman G„s oudeman Cornelis van der Hoeve L„ Roosboom D„l Tuijneman mits in dispositie van den baas timmer„ man Iacob hennekelaar teijkent alleen Iacob van overbeek Mat„ tijs De bruijn /:in margine:/ Bata„ „via den 17:' maart A:o 1739 /:nog„ lager:/ hier mede Confirmere ik wij /was getekent:/ P:s verijsel Aan zijn hoog Edelheijt Den wel Edelen heere— Adriaan valckenier gouverneur Generaal Mitsgaders De verdere Edele Heeren raaden van neder „lands India, Hoog Edele agtbaare Gebiedende heere en heeren— Ter ordre van den commandeur en Equipagiem=r Hugo veryjsel heb„ „ben weij Iacob van hen nekelaar baas Iacob van overbeek Eerste En. Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuaer sche koken deezens bele Batavia, ao 1738. wesende ing onder sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343. 23 51 80. — en matt:s De bruijn tweede meester„ „knegt der scheepstimmerlieden ons vervoegt aan 't boort van 't alhier ter rheede leggende Iongst van Iava aangekoomene schip westerdijxhorn het zelve beneven de. daar op bescheijdene officieren met naemen nicobaas Iongman gezaghebber Ian backer opperstuur „man andries aalsburg onderstuur„ „man En den scheeps timmermant Dirk van vissum ingevolge het G' Eerde aanschrijvens van de hoog Edele heeren seventhienen uijt het patria de dato 24 februarij 1730 nauwkeurig over al gevisiteert Ende besigtigt het zelve be„ „vonden deurgaans nog redelijk sterk en verbintenisse te zijn naa zijne hooge Iaaren Edog zal met believen van uw- hoog Edelens noodtsakelyk aan dien bodem vertimmerd moet„ werden het geene hier onder Eerbiedig werd aangewesen namentlijk. . i1 namentlijk — drie wangen opde groote mast te leggen Eenige stucken in de dubbelhuijt. . . .: Eenige stucken in de berghouten. . .. Eenige stucken in de brede gangh. .. Eenige geschut poorten - - - - - - - Eenige stucken in de smalle vulling. .. Eenige sucken in de rhaa houten - - Eenige bove dex drumpels - - - - - - - - - te ver„ Eenige stucken in de zergang van 't bove „dek- - - - - - - - - - - de grote blinde rhaa. . . . . . . .. boove _:o _:o - - - - - - - kruij zeijls raa. . . . . . . . . . „ groote marzeijls raa - - - - . . . „ olinde stengh. . . . . . . . . voorts binnen en buijten kalfaten branden en smeeren naa welkers gedaane reparatie dien bodem in staat geoordeelt werd, omme de reeds geprojecteerde reijse„ van hier naar maccasser onder godes zegen gerustelijk te kunnen st ondernemen —. dit is het geene hoog Edele heere en heeren, dat wij ondergetekendens van. Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften vo kaar ble Portuaar 23 3367 ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ nieuwen Batavia, 343 80. — van die bodem bevonden En ontwaar hebben, het gunt wij des gerequireer werdende nader met Eede zoude kunnen bevestigen ter wijl net diepschuldig respect verblijven /:onderstond:/ hoog Edele agtbaare gebiedende heere en heeren /:lager:/ uw hoog Edelens onderdanige en trouwschuldige dienaaren /: was gete„ „kent mits in dispositie vanden baas timmerm: Iacob van henne„ „kelaar tekent Iacob van overbeek matthijs de bruijn N=s Iongman Ian backer A:s Halberg D W=r Velsem /:in margine:/ batavia den 3: maart Anno 1739 Aan sijn hoog Edelheijd Den wel Edelen Groot Agtbaare Heere Adriaan Valckenier gouverneur Generaal Ende Heel Edele heeren Raden van nederlands India Hoog Edele Groot Agtb=r heere en op. heeren — o 3362 op d' geeerd ordre van uw hoog Edele groot agtb=re hebben wij ondergeteken„ „dens ons vervoegt, op de te dezer rheede en zijnde, Jongst naer het patria aange„e „legde scheepen als ruijven, voor de precidiale Camer amsterdam ende Ionge wilhem voor de camer Zeeland deselve alaerme naukeu„ „rig gevisenteert, en bevonden die bodems, doorgaans hegt ende sterk in verbintenissen van balken, banden ende knies te zijn; Edog dien't met believen van uw hoog Edele groot agtb=r, daar aan noodsakelijk vernieuwt, ende gerepareert te werden, 'tgunt uijtgedrukt staat; in de annexe bevindings van de baasen der scheeps tien„ „merlieden; en haare meester„ „knegts, zoo alhier; als ten Eijlande onrust benevens de scheeps overheeden, van datis 13:' en 15:' februarij Iongst leeden, st naer verrigting van 't welke die bodems volkomen in staat sullen zijn, om (:onder de hulpe van God:) hunne reets geprojecteerde reijse Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften twee Portua Kken deezer Enblad Batavia, ao 1738. wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ ten 343. 23 reijse, gerustelijk te kunnen onder„ „neemen, met sodanige whaaren En coopmanschappen als uw: Hoog Edelens groot agtb=re zullen gelieven te ordonneeren dit het geene zijnde, hoog Edele=s groot agtb: heeren dat wij van dien bodems weten te berigten, soo verhoopen wij, daer mede aan de ge Eerde Inten„ „tie van uw hoog Edele groot agtba „re te hebben voldoen, des wij met diepschuldigen Eerbied en uijtt erste ontsag blijven /:onderstond:/ hoog Edele groot agtb=re Heere en heeren /:lager:/ uw hoog Edelens onderdanige en Trouwschuldige Dienaaren, /:was ge„ „tekent:/ A=n Catersveld A:n Marse„ „reen H:k Iam D:k Tuijneman Claas Gregoort door in dispositie van den baas timmerman Iacob hen nekelaar stykent / Jacob van overbeek matthijs de bruijn /:in margine:/ Batavia den 24 maart A:o 1739 /noglager:/ hier mede Con„ „strmeeren ik mij /:was getekent:/ P:r verijsel Aan.
English
33634 To His High Excellency The Right Honorable Lord Adriaan Valckenier Governor-General Along with the other Honorable Lords Councillors of the Dutch Indies High Honorable, Esteemed, Ruling Lord and Lords By order of the Commander and Equippage Master Hugo Verijsel, we, Jacob van Hennekelaer, master, Jacob van Overbeek, first, and Matthijs de Bruijn, second master journeyman of the ship's carpenters, went on board the ship Ruijven, lying unladen here in the roadstead, recently arrived from Bengal, and together with the officers appointed thereto, namely Gillis Oudemans, skipper, Ian Maartensz: Appel, chief mate, Ian Pijl, second mate, and the ship's carpenter Lucas Schiltman, pursuant to the respected order [illegible] of the High Honorable Lords Seventeen from the homeland, dated 24 February 1730, accurately visited and inspected it all over, and found the same to be generally newly firm and strong in structure, with nothing lacking except only: To renew a main spritsail yard; furthermore, to calk inside and out, burn, and tar. This is what we, the undersigned, found and observed on that vessel, which, if required, we could further confirm under oath, while remaining with profound respect. Below stood: High Honorable, Esteemed, Ruling Lord and Lords. Lower: Your High Excellencies' humble and dutiful servants. Was signed: in the disposition of the master carpenter Jacob van Hennekelaar, present, Jacob van Overbeek, Matthijs de Bruijn, G:s Oudemans, Ian M: Appel, I: Pijl, Lucas Schiltman. In the margin: Batavia, the 13th of February, anno 1739. To His High Excellency The Right Honorable Lord Adriaan Valckenier Governor-General Along with the other Honorable Lords Councillors of the Dutch Indies High Honorable, Esteemed, Ruling Lord and Lords By order of the Commander and Equippage Master Hugo Verijsel, we, Claas Geijsz: Peijl, master, Arij Iansz: Moijleveld, first, and Cornelis van Leeuwen, second master journeyman of the ship's carpenters, went on board the ship De Ionge Wilhem, lying unladen here at the island of Onrust, recently arrived from Ternate, and together with the officers appointed thereto, namely Ian Both, skipper, Claas Visser, chief mate, Cornelis Iansz:, second mate, pursuant to the respected order of the High Honorable Lords Seventeen from the homeland, dated 24 February 1730, accurately visited and inspected it all over, and found the same to still be generally firm and strong in structure considering its years. However, with the pleasure of Your High Excellencies, it will necessarily need to be repaired on that vessel, which is humbly indicated below, namely: Some pieces in the ceiling planks, Ditto ports, Ditto pieces in the sheathing, 1 main topmast, to be renewed; furthermore, to calk the keel inside and out, burn, and tar. This is what we, the undersigned, found and observed on that vessel, and after which repair is done, that vessel would safely be in a condition to sail wherever Your High Excellencies shall be pleased to project the aforementioned vessel, while remaining with profound respect. Below stood: High Honorable, Esteemed, Ruling Lord and Lords. Lower: Your High Excellencies' humble and dutiful servants. Was signed: Claas Gijse Pijl, Arij Meulevelt, Cornelis van Leeuwen, Ian Both, C:s Visser, Cornelis Jansze. In the margin: Onrust, the 15th of February 1739. Agreed; Secretary [illegible]
Dutch transcription
33634 Aan zijn hoog Edelheijt Den wel Edelen heere Adriaan Valckenier gouverneur generaal Mitsgaders de verdere Edelen heeren Raaden van nederlands India Hoog Edele agtbaare gebiedende heere en heeren her ordre van den comenan„ deur en Equipagiem=r Hugo verijsel hebben wij Jacob van hen„ „nekelaer baas Iacob van overbeek eerste; en matthijs de bruijn tweede meester knegt der scheeps timmerl: ons vercoegt aan 't boort van 't alhier ter rheede ontlast leggende Jongst van Bengalen aangekoomene schip ruijven het zelve benevens de daar op be„ „scheijdene officieren met namen gillis oudemans schipper Ian maartensz: appel opperstuurman Ian pijl onderstuurman En den scheeps timmerman Lucas schilt„ „man ingevolge het g'eerde aanschrijvens. Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften ko deezer ƒ # Batavia. ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst je en Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ ^en 343. 23 dere twee Portuaar aanschrijvens van de hoog Edele heeren seventien uijt het patria de dato 24: februarij 1730 nauw„ „keurig over al gevisiteert Ende besigtigt het zelve bevonden deurgaans nieuw hegt Ende sterck in verbintenisse te zijn, ende daar aan niets mancqueemende is als eenelijck Een groote blinde rhaa te vernieu„ „ven voorts binnen en buijten a „kalfaten branden en smeren Lit is het geene hoog Edele heere Een heeren, dat wij onder getekenden op dien bodem bevonden en ont„ waard't hebben het gunt wij des gerequireerd werdende nader met Eede zoude kunnen bevestigen ter weijl met diepschuldig respect verblijven /:onderstond:/ hoog Edele agt baare gebiedende heere en heeren /:lager:/ uw hoog Edelens onder„ danige en trouwschuldigh dienaaren /:was getekent:/ mits in dispositie van den baas timmerm: Iacob van Hen„ „wekelaar tebent/ Iacob van overbeek matthijs. . 3364 Matthijs De bruijn G:s oudemans Ian M: Appel, I: Eijl Eukas schilt„ man /:in margine:/ Batavia den 13. februarij A:o 1739: Aan zijn hoog Edelheijt den wel Edelen heere Adriaan Valckenier gouverneur generaal Mitsgaders de verdere, Edele heeren raaden van nederlands India Hoog Edele Agtbaare gebiedende heere en heeren 1 Ter ordre van den commandeur en Equipagie meester hugo ver„ „ijsel hebben wij Claas geijsz: peijl baas Arij Iansz: moijleveld eerste en Cornelis van leeuwen tweede meester knegt der scheeps timmer„ lieden ons vervoegt aan 't boort van 't alhier aan 't Eyland onrust ontlast leggende Iongst van ternate aangekoomene schip D: Ionge wilhem het zelve bene„ „vens de daar op bescheijdene officieren. Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuaar Kken deezer lablad Batavia, - ao. 1738. wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ en 3431 23 ende Get officieren met namen Ian Bath. schipper Claas visser opperstuurman Cornelis Iansz: onder _o ingevolge het g'Eerde aanschrij„ „vens van de hoog Edele heeren seventienen uijt 't patria de dato 24: februarij 1730 nauwkeurig over al gevisiteert ende besigtigt het zelve bevonden deurgaans nog hegt ende sterk in verbintenis„ „se te zijn naa zijne Iaren Edog zal niet believen van uw hoog Edelens noodsakelijk aan dien bodem vertimmerd moeten wer„ „den het geene hier onder Een bie„ „dig werd aangewesen nament„ „lijk — Eenige stucke in de weegeringh _=o poorte. - - .. _=o stucke in de dubbelhuijt groote stengh. . . . . 1 voorts kiele binne en buijte kal„ „saten branden En smeeren— wer Dit is het geene hoog Edel heere en heeren dat wij ondergetekendens op te ver„ nieu op dien bodem bevonden en ont„ „waart hebben en nawelkers gedaane vertimmering zoud dien bodem gerustelijk in staat weese omme te vaaren werwaarts uw hoog Edelens opgem: bodem zullen gelieven te projecteren ter weijl met diepschuldig respect verblijve /:onderstond:/ hoog Edele Agtbaare gebiedende heere en heeren /lager/ uw: hoog Edelens: onderdanige en trouwschuldige dienaaren /:was„ „getekent:/ Claas gijse pijl Arij Meulevelt Cornelis van leeuwen Ian Both„ C:s visser Cornelis Jansze /:in margine:/ onrust Den 15: febru„ arij 1739 nigheijdt 3303 ccordeert; Secret Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuaer 23 deezer hubbland Batavia. ao: 1738. wesende ng onder sestigh daalders rvolgens ter Booc„ „eerst— Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343. 80. — officieren met namen Ian Bath. schipper visser opperstuurman Cornelis Iansz: onder ingevolge het g'Eerde aan „vens van de hoog Edele he seventienen uijt 't patria 24: februarij 1730 nauwkeure al gevisiteert ende besigt zelve bevonden deurgaan hegt ende sterk in verbi „se te zijn naa zijne Iare zal niet believen van u Edelens noodsakelijk aad bodem vertimmerd moet „den het geene hier onder „dig werd aangewesen nae „lijk — Eenige stucke in de weeger _:o poorte. . . _=o stucke in de dubbelhe 1 groote stengh. . . . . voorts kiele binne en bur „saten branden En smeeren Dit is het geene hoog Edel en leeren dat wij ondergo op : 50 1 op dien bodem bevonden en ont„ „waart hebben en nawelkers gedaane vertimmering zoud dien bodem gerustelijk in staat weese omme te vaaren werwaarts uw hoog Edelens opgem: bodem zullen gelieven te projecteren ter weijl met diepschuldig respect verblijve /:onderstond:/ hoog Edele Agtbaare gebiedende heere en heeren /:lager/ uw: hoog Edelens: onderdanige en trouwschuldige dienaaren /: was„ „getekent:/ Claas gijse pijl Arij Meulevelt Cornelis van leeuwen Ian Both„ C:s visser Cornelis Jansze /:in margine:/ onrust Den 15: febru„ „arij 17„399— Gccordeert; o Secret Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuae 23 deezer hulelad Batavia. 3303 ao: 1738. wesende ing onder sestigh daalders ervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge¬ bij den onder„ 3431 anen endeto 0e t bo0
English
Statement of the Means, Revenues, and Expenditures of the two Portuguese churches of this country Batavia. ao. 1738. being ing under Sixty rixdollars Subsequently at the Booc nighed first — Native pieces of gold baptismal Rixdollars Six thonisz. ge with the under 3431 23 of the two Portuguese 80. — Statement of the Means, Revenues, and Expenditures of the two Portuguese churches of this rixdollars Subsequently at the Booc nighed first pieces of gold baptismal Sixty Native Rixdollars Six thonisz. ge with the under ing under 3431 23 Batavia. ao. 1738. being Statement of the Means, Revenues, and Expenditures 3366 By Order of His High Nobility, the Right Honorable, highly esteemed Lord Adriaan Valckenier, Governor General — And — The Honorable Lords Councilors of the Dutch Indies. — We, the undersigned, have repaired to and boarded two recently arrived return ships, namely Ruijven for the Presidial Chamber of Amsterdam, and De Jonge Wilhem for the Chamber of Zeeland, have exactly inspected the same hulls and found those bottoms to be firm and strong in the binding of beams, bands, and knees to be able to sail without fault, wherefore we consider those bottoms fully capable, under the help of God, to undertake quietly their already projected voyage from here to the fatherland with such goods and merchandise as have already been ordered by Your High Nobilities, Where. of the two Portuguese churches of this land Batavia. ao. 1738. being ing under Sixty rixdollars Subsequently at the Booc nighed first Native pieces of gold baptismal Rixdollars Six thonisz. ge with the under 343 00. — Wherewith we remain with the very utmost respect and highest esteem. — beneath stood: Your High Nobilities' wholly humble and faithful servants signed: A. Catersveld and H Marseveen, H. Sam, Dk. Tuijneman, Claas Gregoort; lower, in the disposition of the master Jacob Henneklaar, was signed: Jacob van Overbeek and Matthijs de Bruijn; in the margin: Batavia, the 31st of March, Anno 1739; underneath stood: Herewith I confirm was signed: H. Verijsel. Rodefert Secretary C of the two Portuguese Statement of the Means, Revenues, and Expenditures pieces of gold baptismal Your servants veld and h e goort the churches of this Batavia. ao. 1738. being ing under Sixty rixdollars Subsequently at the Booc nighed first Native Rixd Rixdollars Six thonisz. ge with the under 3431 fl. 00. — No 14. All present Statement of the Means, Revenues, and Expenditures of the two Portuguese churches Saturday, the 28th of February 1739. The Lord Plaintiff serves against the prisoner a written criminal claim, presents therewith a register containing several documents, and concludes as at the end of the same claim; the prisoner, having been heard on the above claim, pleads for mercy. 3367 The Council, having attentively reviewed the Lord Plaintiff's claim and documents submitted therewith, and furthermore having carefully observed everything that was in any way to be observed in this matter, administering justice in the Name and on behalf of the High and Mighty Lords States General of the United Netherlands, condemns the prisoner to be brought to the place where it is customary to execute criminal sentences, and The Lord Master Adrianus Bergsma, Advocate Fiscal of India, ex officio Plaintiff, against Pieter de Vries of Dordrecht, assistant in the service of the Honorable Company, last stationed in the Company's Artillery, the Lord's prisoner on the crimes of theft, forgery, and embezzlement. Criminal 23 churches of this land Batavia. ao. 1738. being ing under Sixty rixdollars Subsequently at the Booc nighed first Native pieces of gold baptismal Rixdollars Six thonisz. ge with the under 343 00. — there, having been handed over to the executioner, to be exposed under the gallows with a rope around the neck, furthermore to be whipped and branded, furthermore banishes the prisoner for the rest of his life from all lands, cities, forts, and places belonging under the jurisdiction of the Honorable Company, without ever being allowed to return therein on pain of heavier punishment, and furthermore condemns the prisoner in the costs and expenses of justice. Thus arrested and sentenced on Wednesday, the 20th of February 1739, by the Honorable Lord Master Isaac van Schinne, Extraordinary Councilor of the Dutch Indies and President, together with the Lords Master Jacob van den Bosch, Master Jacob Lakeman, Master Bernard Jacob Dellafaille, Master Willem Vincent Helvetius, Master Theodorus van Revenhorst, Master Cornelis Phillips, Master Reijnier Stapel, and Master Theodorus Policarpus Woijt, Councilors of Justice; and also pronounced and Statement of the Means, Revenues, and Expenditures 3368 and executed on the day and in the presence as in the heading hereof; beneath stood: In my knowledge, signed: G. Schuylenburg, Secretary; beneath stood: Extracted from the criminal roll of the Honorable Council of Justice of this Castle, and agrees. Batavia, date as above. was signed: R. Jongsma, sworn clerk. — nighed at the Booc Subsequently rixdollars Certified Secretary. of the two Portuguese 23 churches Batavia. ao. 1738. being ing under Sixty first Native pieces of gold baptismal Rixdollars Six thonisz. ge with the under fl. 100. — 343. 00. — No 11. Statement of the Means, Revenues, and Expenditures To His Nobility, the High Noble Lord Adriaan Valckenier, Governor General, Together with the Noble Lords Councilors of India. High Noble Lords, Show with the utmost reverence the President and Members of the Orphan Chamber here in this city, that they, as testamentary executors of the estate of the late Ordinary Councilor of India and former Governor of Ceylon, Stephanus Versluijs, deceased, on Wednesday the 18th of this month, found themselves obliged by the annexed petition not only to make their complaint to the Honorable Council of Justice of this Castle regarding 9 3369 the two Portuguese 23 churches Batavia. ao. 1738. being ing under Sixty rixdollars Subsequently at the Booc nighed first Native pieces of gold baptismal Rixdollars Six thonisz. ge with the under 100. —. 343 00. —
Dutch transcription
Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften ken land Batavia. ao. 1738. wesende ng onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst — Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 3431 23 der twee Portuaer 80. — Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuaeel h ken deezer daalders ervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst stux goude doop Sestigh Inlands Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ ing onder 3431 23 Batavia. ao. 1738. wesende Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften 3366 Ter Ordre Van zijn Hoog Edelheijd den Wel Edelen groot Agtb=r Heere Adriaan Valckenier Gouverneur genetaal — Ende — D'Edele Heeren Raden Van Nederlands Jndia. — Hebben wij ondergeteekendens ons vervoegt aan en op twee Iongst aan gelegde Retoir schep en namentlijk Ruijven voor de Precidiale Camer Amsterdam, en De Jonge Wilhem voor de Camer Zeland deselve slomme Exactelijk gevisenteerd en bevonden die boo„ „dems hegt inde sterk in verbintenisse van balken banden ende knies te sijn om sonder mancquement te kunnen vaaren, over sulks agten wij die bodems volkomen in staat (om onder de hielpe van god hunne reets geprojecteerde rijse van hier na het vaderland geruestelijk te kunnen ondernemen met sodanige waaren en Coopmanschappen als door uw Hoog Edelens bereets zijn geordonneert, Waar. der twee Portuael ken deezer eld d Batavia. ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ „nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343 00. — Waar meede wij met de alder uijterste Eerbied en hoogste Agting blijven. — /:onderstond:/ uw hoog Edelens gants onderdanige en trouwschul„ „dige dienaren /:was geteekend/: A=n Catersveld en H Marseveen H: Sam Dk. Tuijneman Claas gregoort /:lager / in dispositie van de baas Jacob henne„ „klaar /:was getekend:/ Jacob van Overbeek en Matthijs de bruijn /in margine / Batavia den„ 31 Maart Anno 1739: /:daar onder stond /: hier meede Consirmeere ik mij /:was getekend /. h= verijsel. Rodefert Secret C der twee Portuaal Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften stux goude doop :uw schiit„ veld en h e„ goor de ken deezer Batavia. ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders ervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst Inlands Rijd Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 3431 ƒ 00. — No 14. Presentibus omnibus Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuaelchen Saturdag Den 28 februarij. 1739. Den Heer Eijsschen diend tegens den De Heerm:r Adrianus Bengsma gevangen van Schriftelijken Advocaat Fiscaal van Crimineelen Eysch, Legtdaarne„ India rat: off: Eysscher „vens over een register met verscheijde stucken en Concludeert als uit Eijnde van denselven Eysch den Gevangen op den Bovenstaande Eysch gehoort synde versoekt om genade. 3367 Den Raad des heer Eijsschers Eysch, ende stucken daar nevens overgelegt met aandagt geresumeert en voorts op alles welgelet hebbende waarop in desen eenigsints te letten stonde, doende regt uijt de Naam ende vanwegens de hoog mogende Heeren Staten Generaal der Vereenigde Neder„ „landen Condemneerenden gevangen gebragt te werden ter plaatze alwaar men gewoon is Pieter de Vries van dondregt adsistent ten dienst der EComp Laatst bescheyden in sComp:s Arthilleny. 's heeren Gevangen over de Crimina furti sal siac peculatus. Contra) Cruminele 23 kken deezer beland d Batavia. ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343 00. — Crimineele Sententien te Executeeren, en aldaar den scherpregter overgelevert synde met een strop om den hals onder de Galg te pronk gestelt, voorts gegeesselt en Gebrandmerckt tewerden, band wijders den gevangen voor al syn Leeven uijt alle Landen, Steeden forten en plaetsen, onder het resort van D EComp: gehoorende, zonder ooijt daar inne weder te mogen komen op pane van Swaarder Straffe en Condemneert den gevangen daar en boven inde Kosten en misen van Iustitie Aldus G'arresteert en Gesententieert op woensdag den 20 februarij 1739. bij den Edele heer mr Jsaac van Schinne raad Extraordina„ „nis van Nederlands India en president Iem De Heeren Mr Jacob vanden Bosch mr Jacob Lakeman, mr Bernard Jacob Dellafaille, mr Willem Vincent Helvetius m. rd Theodorus van Revenhorst, M. r Cornelis Phillips, Mr Reijnier Stapel en m=r Theodorus Policarpus Woijt raeden van Justitie, Mitsg„s Gepromuntieert ende Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften 3368 ende G'executeerd ten dage ende ter presentie als inden hoofde deezes /:onderstond: Inkennisse van mij /. getekent:/ G:s Schuylenburg Secretaris /:onderstond:/ G'extraheert uijt de Criminele roll: vanden Achtb: raad van Iustitie deeses Casteels en Accordeert Batavia Datum ut Supra /was get:/ „r Jongsma gesw Clercq. — nigheijdt ter Booc„ Vervolgens daalders Gesrseert Secret. der twee Portuael 23 ze hakelaad Batavia. ao. 1738. wesende ing onder Sestigh eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ ƒ 100. — 343. 00. — No 11. Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften Aan zijn Edelheijd den hoog Edelen Heere Adriaan Valckenier Gouverneur Generaal Nevens d' Edele Heeren Raa„ den van India Hoog Edele Heeren Pertoonen met de uijtterste reverentie den president, en Leeden van de meeska„ mer hier ter steede, dat zij haer, als te„ stamentaire Executeurs der nalaten„ schap, wijlen den raad ordinaires van India en geweezen Gouverneur van Ceijlon Stephanus Versluijs zal„r op woensdag den 18:' deezer, ver„ pligt hebben gevonden bij het nevens gevoegd request: niet alleen haer beklag te doen, aen den agtb: raad van Justitie deezes Casteels, ter zaeke 9 3369 het twee Porti 23 heselae Batavia. ao: 1738 wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s ses thonisz: ge„ bij den onder„ 100. —. 343 00. —
English
it had pleased them to take a resolution to send around the proceedings between the Mr. Advocate Fiscal and the said His Honorable, which were pending litigation after having finally, within the excessively wide span of between six and seven years' time, reached the state of judgment in December of the past year, to all the members of their court for separate reading and resumption; but also to demonstrate with proper modesty and substantiation what damage the heir, along with the entire family of Mr. Versluijs, stood to suffer as a result of this, as well as how greatly such a manner of treatment was in conflict not only with the written laws and prevailing practice in general, but in particular with the fundamental laws and orders of the Honorable Company: indeed, seemed to bring about nothing other than a tediousness and delay to which an end could never be anticipated, beyond the further notable inconveniences that were to be expected from it, and which might well compel the Orphan Chamber in its aforesaid capacity, for the preservation of the right of those to whom they must account for the estate, to protest, as well as on all those and other grounds (the force and lawfulness of which will immediately appear to Your Right Honorables from the tenor of the petition itself, and for whose further justification it is not yet the time at present) to request that their Honors be pleased to alter the disposition in question regarding the sending around of the documents, as well as Demonstration of the means, revenues, and expenditures of the two Portuguese [illegible] of this [illegible] Batavia, year 1738, being [illegible] under sixty daalders. Subsequently [illegible] first native pieces of gold christening [illegible] rixdollars six [illegible] Anthonisz [illegible] by the under-[illegible] 343. 23 as well as to grant a speedy expedition of justice in the proceedings, according to the laws, practice, and orders. Which petition having been signed by the secretary by order of the president and members, and having been brought in on the aforesaid day, they, having done in that regard solely what their duty inevitably entailed and what could clear them in the future from the slander of an illicit negligence among the interested parties, expected nothing other than that the Council of Justice, noticing their notorious error, would make an equitable and just disposition upon it. But it was so far from that, Right Honorable Demonstration of the means, revenues, and expenditures Honorable Sirs, that on the contrary it pleased the said court on its ordinary court-roll day of the day before yesterday to summon the above-mentioned secretary before the public bar, in the presence of all the attorneys and other people, and not only to have a decree pronounced, filled with terms tending to the utmost shame, contempt, and prostitution of the Orphan Chamber, so much so that he was unable to portray with sufficiently natural colors the insults which it included on all counts; but also to go to the extremity of tearing the oft-mentioned petition to pieces before his face, and thus committing an act toward a board whose head is provided of the two Portuguese [illegible] of this [illegible] Batavia, year 1738, being [illegible] under sixty daalders. Subsequently [illegible] first native pieces of gold christening [illegible] rixdollars six [illegible] Anthonisz [illegible] by the under-[illegible] 343. 23 00. — rixdollars provided with an ordinary Councillor of India, of which these regions, and perhaps the entire civilized world, have never in all eternity furnished an example. For apart from the fact that it has never been the practice before any court, and especially not before the Honorable Council of Justice or the Honorable Board of Aldermen of this City, to pronounce apostils or dispositions on petitions against which there is no contradiction or communicating lawsuit on the public court roll, and it having therefore in this regard evidently been treated in such a manner to make the affront toward the president and members of the Orphan Chamber the more glaring, scandalous, and sensible, there was also a much more enormous and unheard-of act committed in that regard, namely that when their secretary, having heard the said decree, requested an authentic copy of it in order to report it distinctly to his masters, this was completely refused under the pretext that it was a domestic matter, and in that manner an attempt was also made to cut off and prevent entirely all investigation that must notoriously follow upon such an unprecedented attestation, as well as the complaints or redress that were to be brought forward and requested against it by the orphan masters, whether by way of policy or justice; thus condemning a board 3372 by Demonstration of the means, revenues, and expenditures two 23 [illegible] Batavia, year 1738, being [illegible] under sixty daalders. Subsequently [illegible] first native pieces of gold christening [illegible] rixdollars six [illegible] Anthonisz [illegible] by the under-[illegible] 3431 established by the same sovereign as the Council of Justice itself: indeed, rubbing in such a train of infamy and indelible stains, without wishing or daring to grant the act of condemnation, which, far from resembling a domestic matter (as was said), was proclaimed on the public court roll in the presence of all and everyone, and therefore according to no law, right, practice, or order can or may be refused to anyone, even to a lowly slave against whom it might lie, much less to a public board; whereas on the contrary, it constitutes one of the essential parts of a judicial decree, and a judge, if they in that regard otherwise
Dutch transcription
het dezelve had behaagd Een besluijt te neemen om de proceduren ussen den heer advocaat fiscaal, en gem: zijn Ed: Litispendent na de binnen den Excessiven ruijmen omtrek van tussen ovizes, en zeeven Jaeren tijds, Eijndelijk in december a„o pass=o in staet van wijzen waren geraakt bij alle de Leeden haerer regtbank ter aparte Lectuur, en re„ sumtie rond te senden; maar ook met een behoorlijke modestie, en adstruc„ tie aan te toonen: wat schaade den Erfgenaam, neevens de gantsche fami„ lie van den heer Versluijs hier door stond te lijden, mitsgrs: hoe seer zulx een manier van behandeling, zoo wel teegen de beschreeve regten en vigeerende practijk in't gene„ raal: als tegen de fundamenteele wetten en ordres, der E: Comp: in't bijzonder strijdig was: Ja niet anders anders scheen te weeg te sullen brengen, dan een lang weijligheijd en retardement waaraan nimmermeer Een Eijnde kon„ de worden te gemoet gezien buijten de verdere notable inconvenienten welke daar uijt te wagten stonden, en de wees-kamer in haere voorsch: qualiteijt wel noodzaaken, tot Con„ servatie van het regt der geenen waeraan zij den boedel moeten ver„ antwoorden, te protesteeren, mits„ grs: op alle die en meer andere fun„ damenten /:waer van de Kragt en wettigheijd uw hoog Ed„s uijt den teneur van't request zelve aan„ stonds zal in de oogenblinken, en tot welkers nadere Justificatie het thans nog de tijd niet is: / te versoe„ ken, dat haer agtb: de bewuste dis„ positie, tot Getrond zenden der stukken, geliefden te veranderen, mitsgrs: Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Portuaer ken deezer 3370 hseland Batavia, ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343. 23 mitsgrs: in de proceduren, na regten, practijk en ordres een spoedige Expl„ ditie van Iustitie te verleenen Welk request door den secretaris ter ordonantie van den president, en Leeden geteekent mitsgrs: ten dage voorsch: zoodaanig binnen ge„ bragt zijnde, zoo hadden dezelve, als daar omtrent Eeniglijk gedaan hebbende 't geen haer pligt onver„ mijdelijk meede bragt, en haer in den aenstaende van den Laster eener aan geoorloofde na latigheijd bij de geJnteresseerdens konde be„ wrijden, niet anders verwagt, dan dat den raad van Justitie hae„ ren notoiren misslag bemerkende daerop Een billijke en regt watige dispo„ sitie zoude neemen. dog het is daar zoo verre van daan geweest Hoog Edele ƒ Demonstratie der middelen Inkomsten en uijtgifften Edele heeren dat het inteegendeel de gem: regtbank heefd kunnen gelusten op haaren ordinairen rol-re¬ dag van eergisteren den boven gem: Secretaris voor de publijke balie, ten bij weezen van alle de procu„ reurs en andere menschen, te ont bieden, mitsgrs: niet alleen Een de„ creet te doen pronuncieren, op ge¬ vuld met termen, tot de uijtterste schande, verragting, en prostitutie, van de weeskamer da zoodanig dat hij buijten staat is geweest de Jnjurien, die dezelve alomme includeerden met genoegsaam na„ tuurlijke verwen af te schilderen; maar ook tot die Extremiteit over te slaen, om het meergedagte request voor sijn gezigt aen stuk te scheu„ „ren en dus een actie te pleegen om„ trend een Collegie aan zijn hoofd voorsien der twee Portuaaschen V ken deezer 3371 laselae d Batavia, ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343. 23 00. — rd:s voorsien met een ordinairis raad van Jndia, waarvan deze gewesten„ en misschien de gantsche gecibiliseerde weereld nog ten Euwigen dage geen voorbeeld hebben uijtgeleevert Want behalven dat het voor geen regtbank en speciaal niet voor den agtb: raad van Justitie of 't eerm: Collegie van heeren Scheepenen deezer Steede, ooit in gebruijk is geweest om apostillen of dis„ positiven op requesten waartegen geen Contradictie of proces Communicatoir vald, te pronun„ cieren op de openbare rol en sulx mits dien in dit reguard blijkbaarlijk zoodanig getracteerd is, om het af„ frant omtrend den president, en Leeden van de Weeskamer deste ecclatanter, Icandaleuser, en sensibebe te ƒ d te maaken, zoo is er ook nog een vrij Enormer, en ongehoorder stuk daar omtrend in't werk gesteld, te wee„ ten dat men Iaeren secretaris wel„ ke na het aanhooren van't gem: decret daarvan Een autentijk af„ schrift, om zulx aen zijne Meesters met distinctie te komen rappor„ teeren, versogt, dit volslaagen on„ der de naam, dat het Een dome„ stique zaak was, heefd geweigerd, en indier voegen al meede gepoogd, om alle recherche, welke op zoda„ nig en meergeloos attestaat notoirs moest volgen mitsgrs: de Klagten of redressen, die daer teegen door weesmeesteren, het zij bij weege van politie of Justitie, stonden te worden ingebragt, en versoogt, finaal af te sneijden ente beletten; Condemneerende dus Een Collegie, 3372 door Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften twee 23 selra Batavia. ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders ervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses Athonisz: ge„ bij den onder„ 3431 door een gelijken Souveraijn geerigeerd, als den raad van Justitie zelve: Ja zulx een sequeele van Jnfamie¬ en onuijtwisselijke Bleeken aan„ wrijvende, zonder daaraan te willen ofte durven toestaen de acte van Con„ dem natie, die wel verre van dat dezelve na een domestique zaak zoude gelijken /:als gezegd:/ op de publijke rol, in presentie van alle en Een ijgelijk afgekondigt is, en derhalven na geen wet regt, prac„ tijk, of ordre aan iemand, Jaselos aan geen velen slaaf teegen de weel„ ke die mogt Leggen, veel min aen een publijk Collegie, kan of mag geweijgerd worden; terwijl het ter Contraire, Een der meezendlijke deelen van Een Judicieel Decreet uijtmaakt, mitsgrs: Een regter in„ dien zij daer omtrend anders zints de
English
has observed equity, no less than the whole republic is interested that such matters should come before the eyes of the world. And whereas such a decree belongs above all to the knowledge of the illustrious assembly of Your High Excellencies, as those who, by representation of sovereignty, find themselves authorized to demand an accounting thereof from the Council of Justice: Yea, to whom it would have been far more proper for the said bench of judicature, if they judged themselves to have been offended, to have complained about the Orphan Chamber, than to pronounce such a defamatory ruling in their own cause against a full College: provided that, on the other hand, the President and Members, without prejudice Statement of the assets, revenues, and expenditures of the two Portuguese [illegible] of this capital city of Batavia, anno 1738, being [illegible] sixty dollars. Subsequently [illegible] first native pieces of gold christening rixdollars six [illegible] by the under [illegible] 23 3373 3431 without prejudice to their honor, neither can nor may remain passive, but on the contrary are obligated to their own selves, no less than to the integrity of their assembly, to seek redress and satisfaction regarding this, either from Your High Excellencies or, under your favorable interpretation and to prevent new conflicts, directly to the Netherlands with these tea ships, which satisfaction ought to be proportioned to the atrocity of the committed injury and in justice; which cannot be done with the requisite emphasis and propriety before they find themselves provided with a proper copy of the said decree, just as it would also cause difficulties, cavillations, but especially loss of time Statement of the assets, revenues, and expenditures would cause, if the Council of Justice were ordered to deliver such to the Orphan Masters themselves, and consequently an assembly or court day would have to be awaited before one could request the execution of such an order, thus the President and Members aforesaid, turning to Your High Excellencies, from whom the effective maintenance of all public Colleges in India must flow, request with a respect coupled with the utmost seriousness and emphasis that it may please Your High Excellencies to demand the decree in question—pronounced against them in pleno judicio et in omnium auditu atque conspectu the day before yesterday, the 25th of this month, and ordered to be executed—from the Council of Justice with the utmost speed, of the two Portuguese [illegible] of this capital city of Batavia, anno 1738, being [illegible] sixty dollars. Subsequently [illegible] first native pieces of gold christening rixdollars six [illegible] by the under [illegible] 23 3374 343 00. — speed from the Council of Justice, to the end that, upon receipt thereof, disposition may be made concerning it according to equity, and to let such come to the Orphan Chamber in that manner. Below stood: Which doing, etc. Lower: The President and Members of the Orphan Chamber of this city of Batavia, and by order of the same. Was signed: D. Wannemaker, Secretary. In the margin: Submitted in the Council of India, 27 March anno 1739. Accords, [illegible] Secretary. of the two Portuguese Statement of the assets, revenues, and expenditures To Mr. Jacob van den Bosch, presiding member in the Ceylon affairs, together with the other esteemed members of the Honorable Council of Justice of this Castle. Honorable and Esteemed Sirs, The Orphan Masters of this city of Batavia make known with the requisite respect, as testamentary executors of the estate of the Honorable Ordinary Councilor of India and former Governor of Ceylon, Stephanus Versluijs, of blessed memory, and in that capacity being legally ordered to assume the proceedings of the trial pending between the Advocaat-Fiscaal of India and his late Honorable, that the same Mr. Versluijs, having been suspended from his aforesaid considerable office on 10 July 1732 by order of the Honorable and High Esteemed Gentlemen Directors in the Assembly of Seventeen, 23 of this capital city of Batavia, anno 1738, being [illegible] sixty dollars. Subsequently [illegible] first native pieces of gold christening rixdollars six [illegible] by the under [illegible] 3375 100. 343 pending, that the same Mr. Versluijs, having been suspended from his aforesaid considerable office on 10 July 1732 by order of the Honorable and High Esteemed Gentlemen Directors in the Assembly of Seventeen, has since that time been sub judice, and has undergone a rigorous investigation into his conduct and actions on Ceylon, which, after having continued for several consecutive months and having finally been completed, was also followed by his departure to this capital city of India, where he arrived as early as January of the year 1733, and his case was also transferred into the hands of Your Honorable Esteemed by virtue of the order of the well-mentioned Assembly of Seventeen; that since that time the same Mr. Versluijs, of the two Portuguese Versluijs, under the preparatory proceedings commenced against him, both outside and inside arrest, in an unheard-of manner, has had to languish and endure for over two years, or until 2 March 1735, when by the present Advocaat-Fiscaal of India, Mr. Adrianus Bergsma, who had entered the proceedings several months prior, a written claim was first served against his Honor and the former Colombo council members, against which he, Versluijs, in the following November, had already submitted his defenses in a detailed answer, with many documents submitted alongside it; that hereupon, time having been taken by the Advocaat-Fiscaal to reply, 3376 Statement of the assets, revenues, and expenditures of this capital city of Batavia, anno 1738, being [illegible] sixty dollars. Subsequently [illegible] first native pieces of gold christening rixdollars six [illegible] by the under [illegible] 3431 23 00. —
Dutch transcription
de billijkheijd heefd betragt niet minder dan de gantsche republijk ge„ interesseerd is, dat zulx onder het oog van de weereld Koome. En rademaal zulk Een decreet voor albehoord tot de kennisse der illustre Vergadering van uw hoog Ed„s als die bij representatie van de souverainiteijt, haer bevoegd vind den raad van Justitie dierweegens reekenschap afte vorderen: Ja aan dewelke het veel behoor„ lijker was geweest, dat de gem: bank van Judicature, zoo zij oordede„ de beleedigd te sijn, over de Meeska¬ mer had geklaagd dan in haer eij„ gen zaek teegen Een vol Collegie dusdanig een diffamente uijt spraek te doen: mitsgrs: dat aende andere kant, den president en Leeden, behoudens Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften der twee Port 23 ken deezer haelelaad 3373 d Batavia, ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses Athonisz: ge„ bij den onder„ 3431 behoudens haer Eers niet konnen of moogen stilzitten, maar intee„ gedeel aan hun Eigen zelve, niet minder als aan de integriteit van haere vergadering verpligt zijn daer omtrend, 't zij bij uw Hoog Ed„s of /:onder derzelver gunstig welduijden en tot preventie van nieuwe broui„ lereijen:/ nog met deze theescheepen direct na Nederland, een repara„ tie, en satisfactie te zoeken we„ ke na de atrociteijt van de aenge„ daene Jnjurie en in Justitie ge„ proportioneerd staat te zijn 't geen met de verEiste Nadruk, en or„ dentelijkheijd niet zal konnen ge„ schieden voor dat zij haer voorsien vinden van Een behoorlijk afschrift„ des gem: decreets, gelijk het ook al wederom moeijelijkheeden, Cavillatien dog voor namentlijk tijd verlies zoude Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften zoude verwekken indien den raad van Justitie gelast wierd, zulx aan weesmeesteren zelve te dema„ nueeren, en derhalven een verga„ dering of roedag afgewagt moest worden, eer mende Executie van zulk Een beveel konde versoeken, zoo hebben den president; en Leeden voorm: zaer keerende, tot uw: Hoog Ed„s /:van wien de Kragt dadige mainctensie aller publique Colle„ gien in Jndia moet afvloeijen om in Een Eerbied, gepaard met de uijterste Ernst en nadruk te ver„ soeken, dat het mag weezen van het welbehaagen uwer Hoog Ed„s om het bewuste decreet, op Eergi„ steren, den 25: dezer teegen haer in Pleno Judicio et in omnium au¬ ditu, acque Conspectu, gepronun tieerd, en ter Executie gesteldten, spoedigsten der twee Porturesch 23 ken deezer hosehrad Batavia, 3374 ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ ao. 1738. wesende 343 00. — spoedigsten van den Raad van Justitie op te Eijschen ten fine na den ontfangst van dien daar omtrent te disponeeren na billijkheijd en zulx indier voegen aen de mees¬ ^toe Kaamer te laten koomen /:onder„ stond:/ 't welk doende etc: /:lager:/ den President en Leeden van de weeskamer deezer stad Batavia, en ter ordonon„ tie van deselve /:was geteekent:/ D: Wannemaker, secret„s /in war„ gine:/ overgegeeven in rade van In„ dia den 27: maart a„o 1739 Agdedeert He Secrets der twee Porturansch Demonstratie der middelen Inkomsten en uijtgifften Aan den heer M„r Ja„ „cob van den Bosch, voorzittend Lid in de Ceijlon„ se zaaken mitsgrss: de ver„ dereseeren Leeden in den agtb: raad van Justitie dezes Casteels Edele agtb: Heeren Geenen met de vereijste Eerbied te Kennen weesmeesteren dezer stad Batavia, als testamentaire Execu„ teurs der nalatenschap van den Ed: Heer Raad ordonaris van India en geweesen Gouverneur van Ceijlon Stephanus Versluijs zal„r en in die qualiteijt, geregtelijk geordoneerd zijn„ de, te arrementen van den processe, tussen den heer advocaat fiscaal van Jndia, en gem: sijn Ed: Litispen„ 3375 dent 23 Kken deezer hooldtrad Batavia, ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders ervolgens ter Booc„ „nigheijdt ^ eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses Athonisz: ge„ bij den onder„ 100. 343„ dent aanteneemen, dat denselven heer Versluijs in dato 10=en Julij 1732: ter ordre van de Ed: Hoog agtb:e heeren Bewindhebberen ter vergadering van zeeventiene, gesteld zijnde int zijne voorsz: aansienlijke Charge, se„ dert die tijd subxeatu geweest, mitsgrs: ondergaan heefd Een scherp ondersoek na desselvs gedrag, en Condu„ tes op Ceijlon, 't geen, nadat zulx Eeni„ ge maanden agter den anderen had ge„ continueerd, en eijndelijk voltrok„ ken was geraakt, ook gevolgd is, van sijn vertrek na deze hoofdstadd van India, alwaar hij reets in Ianuarij des Jaers 1733: aangeland mitsgrs: zijn saak almeede uijt Kragte der ordre van den wel gem: vergadering van sel„ verthiene in handen van uEd agtb: overgegeeven is— dat zeedert die tijd denselven heer Versluijs der twee Portuaarsch Versluijs onder de preparatoire proce„ deeren teegen hem geencameerd, zoo buij¬ ten, als in arrest op Een nooid gehoor„ de weijze, heeft moeten zuglen en pa„ tienteeren, over de twee Jaeren lang of wel tot den 2: maart 1735, wan„ neer door den presenten heer advo„ caat fiscaal van India, w„r Adri„ anus Bergsma /:die eenige maan„ den bevoorens inde proceduuren ge„ komen was :/ Eerst tegen zijn Ed: en de geweeze Colombose raadslee„ den gediend is van Een schriftelijkeen Eijsch waar teegen hij Versluijs, in novembr: daar aan al reets zijne de¬ fersien bij Een omstandig antwoord met veele stukken daar neevens overgelegd, heefd ingebragt: Dat hier op door den zeer advocaat fiscaal dag genomen zijnde onte 3376 repliceeren Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften ken deezer aelad Batavia. ao: 1738. wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ zind 3431 23 00. —
English
to reply, and meanwhile the proceedings against the other Council members (among whom was also included the former Fiscal Joan de Mauregnault) being continued, the aforementioned Mr. Versluijs departed this life on the 27th of February 1736, through an apparent heartache and grief, since he could not foresee an end to the matters for a long time yet, after having previously entrusted the administration of his estate by testament to the Orphan Masters, presently the petitioners in this matter, who indeed exerted all possible efforts to extricate themselves from the proceedings, on account of the demise of Mr. Versluijs (whereby all accusations against his Honour seemed to have lapsed), and likewise to recover the fifty thousand rixdollars or the value thereof, which had been surrendered by his Honour in sequestration, instead of, or in fulfillment of, the security de judicio sisti imposed upon him by sentence of the 9th of June 1734; but without having succeeded in their attempt in that regard: since they, by two definitive rulings, first saw themselves compelled to accept the arguments of the trial, and to proceed further according to the latest prior records, and subsequently also to transfer the aforesaid fifty thousand rixdollars into the Company's treasury, to the end of remaining in deposit there until the conclusion of the principal matter. That these respective decrees having been duly complied with, the Orphan Masters subsequently Demonstration of the resources, revenues, and expenditures of this 3377 Batavia, anno 1738. being under Sixty thalers Subsequently at Booc first Native pieces gold baptism Rixdollars Six Anthonisz. at the under 343. 23 two Portuguese subsequently endeavored to continue the proceedings with all diligence and zeal (as much as was in their power): which was also of such effect, that the same proceedings, together with those of the Merchant and former Colombo Fiscal Joan de Mauregnault (the case of the other Council members who had found themselves also involved and implicated therein from the beginning, having already been disposed of separately by your Honours on the 11th of July 1736), were finally perfected and brought into a state for judgment under date of the 31st of December of the recently passed year 1738: being a widely extended time of between six and seven years, after Mr. Versluijs had fallen under accusation and into so many sorrowful difficulties. That the Orphan Masters, on account of all that is aforesaid, could therefore not have expected otherwise than a speedy termination of these protracted proceedings, and a prompt execution of justice, so as to be enabled, on the one hand, to withdraw again for the benefit of the estate the considerable amount of fifty thousand rixdollars, which until that time had to remain interest-free in the Company's treasury, and on the other hand, also concerning the outcome of the case (wherein the heir, and further distinguished blood relations of Mr. Versluijs, have so great an interest), to give the requisite notice to the Orphan Masters at Middelburg, who were likewise called by testament to the further administration of his Honour's estate and the guardianship over the minor heir in the Netherlands. Demonstration of the resources, revenues, and expenditures 3378 23 of this Batavia. anno 1738. being under Sixty thalers Subsequently at Booc first Native pieces gold baptism Rixdollars Six Anthonisz. at the under 343. estate, and the guardianship over the minor heir in the Netherlands, being called to give the requisite notice. Yet when one found the greatest reason to be reassured thereby, the Orphan Masters were very unexpectedly informed: how it had pleased your Honours to take a resolution to circulate the case among all the member gentlemen, each individually, for review and reading, and thereby to draw the matter once again into a protraction, of which virtually no end is to be foreseen to all eternity: for, besides that the immense quantity of documents of which this concatenated lawsuit consists would require a year and a day for such a private perusal, Portuguese two perusal, it is also likely to result therefrom that upon the slightest change, either through unforeseen deaths or promotions among the above-mentioned member gentlemen, the case would have to be started anew and such a large pile of papers would again have to be reviewed and examined by the gentlemen who might be chosen to fill the vacant places: not to mention once again the inconveniences that could further follow from this regarding the loss of notable trial documents, through unforeseen accidents of fire as well as others almost inseparable from loose papers that must pass through many hands, and also of the widely extended time which, even if the trial Demonstration of the resources, revenues, and expenditures 3379 Sixty thalers Subsequently at Booc first Native pieces gold baptism Rixdollars Six Anthonisz. at the under under anno 1738. being Batavia, 3431 23 trial could, contrary to expectation, be terminated by your Honours in the aforesaid manner within one or two years, would still be impending if a revision of the sentence should occur, and if then, following the previous example, both the newly arrived members of justice and the adjunct revisers also claimed to take such a separate review of documents at everyone's own house, whereby it would consequently appear likely that, just as these proceedings have already outlasted the life of the late Mr. Versluijs, they could also easily outlast that of his minor heir. Which
Dutch transcription
repliceeren en intusschen de proceduren teegen de verdere raads Leeden /:waar„ onder ook begreepen was den geweezen fiscaal Joan de Mauregnault voort„ gezet wordende, den meer gedagten heer Versluijs op den 27: februarij 1736: door Een oogscheijnlijk haart-zeer, en Chagrin, over mits hij nog in lang geen Eijnde aan de zaaken konde te gemoet sien deezer weereld is over„ leeden, na alvoorens de administra„ tie, van sijnen boedel bij Testamen„ te te hebben opgedraagen, aan Wees„ meesteren, thans supplianten in deezen, die wel alle moogelijke de„ voiren hebben aangewend, om haer, mits het afstrerven van den heer Versluijs /: waerdoor alle beschuldi„ gingen tegen zijn Ed: scheenen te wee„ zen vervallen:/ uijt de proceduren te wikkelen, en insgelijx weeder nugtig te te worden de vijftig duijzend rijxd„s of wel de waarde van dien welke door zijn Ed: in Sequestratie waaren over gegeeven, in plaats, of ter vervulling van de Cautie de Iudicia Sisti, hem bij sententie van den 9:e Iunij 1734: op gelegd; dog zonder daar omtrent in haere poaging gereusseerd te sijn: de wijl zij haer door twee uijtspraa„ ken ten diffinitive, eerst hebben genoodsaakt gezien, om de arremen ten van 't Proces aente neemen, mits„ grs: na de laatste retro acta voort te procedeeren, en vervolgens ook om de voorsz: vijftig duijzend rijxd„s in 's Comp„s Cassa over te brengen, ten fine aldaar tot den uijt eijnde der zaak ten principalen, te blijven berusten Dat aan deeze respective decreten behoorlijk voldaen zijnde, weges meesteren vervolgens Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften kaar deezer 3377 lasesrad Batavia, ao. 1738. wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ 343. 23 twee Portuaarsc a vervoegens hebben betragt de proce du„ ren met alle vlijten iever /:zooveel in hun was :/ voortte zetten: 't geen ook van Effect is geweest, dat deselve proceduren, te gelijk met die vanden Koopman en geweesen Colombosen Fiscaal Joan de Mauregnault /:als zijn„ de de zaak der verdere raadsleeden welke haer van den beginne daarin meede gewikkeld, en ge-enclareerd hadden gevonden, reets afzonderlijk door uEd: agtb: afgedaan op den 11: Iulij 1736:; Eijndelijk zijn voldongen en instaat van wijzen gekoomen onder dato 31:' decemb„r des Jongst ge„ passeerden Jaers 1738: of Een wijd uijt„ gestrekten tijd van tussen dezes en zeeven Jaeren, nadat den heer Ver„ sluijs sub reatu en in zoo veele bedroefde moeijelijkheedens was geraakt. dat der twee Portuaenscha Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften Dat weesmeesteren, uijt hoofde van alle het geen voorsz: staet, derhal„ ven ook niet anders hadden konnen te gemoet zien; dan Een spoedige terminatie deezer langwijlige pro„ teduren, en Een prompte Expeditie van Justitie, om dus Eersdeels, in Staet gesteld te worden, het Con„ siderable montant van vijftig duijzend rd„s, 't geen tot die tijd toe in 's Comp„s Cassa interest loos moest blij„ van berusten weeder ten behoeve des boedels te ligten, en anders deels ook nopens den uijtslag der zaek /waeraan den Erfgenaam, En verder aansienlijke bloed verwanden van den heer Vetsluijs, zoo hooglijk ge„ „leegen legd:) aan heeren weesmee„ steren tot middelburgh, als ins ge„ lijx bij testamente tot de verdere ad„ ministratie van sijn Ed: nalaten 3378 schap 23 kera deezer l#ad Batavia. ao. 1738. wesende ing onder Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt „eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses Athonisz: ge„ bij den onder„ 343„ schap, ende vooff gdij over den onmondi„ gen Erfgenaam in Neederland, geroe„ pen zijnde de vereijste Kenniss te gee„ ren dog dat doen men de meeste reeden vord om sig daarmeede te stateeren, mees„ meesteren zeer on verwagt wierden onderrigt: hoe het uEd„e agtb: had be„ zaagd, Een besluijt te neemen om het proces bij alle de heeren Leeden ieder in't bijzonder, ter resumtie en Lectuure rond te zenden, mitsgrs: de zaek in dier voegen wederom in Een lang weijligheijd te trecken, waar„ van genoegsaam ten Euwigen dage geen Eijnde te gemoet te zien is: want, behalven dat de immense quantiteijt stukken uijt dewelke dut geconcateneerd regts gepbing be„ staet Jaer en dag zoude requiree„ ren, tot zoodanig een particuliere nalee„ zing Portuaer twee „zing, zoo staet ook daer uijt voort te vloeijen, dat bij de minste verandering 't zij door onverlooptek sterf vallen of bevorderingen onder de bovenge„ meld„e heeren Leeden, de zaek, van nieuws begrinnen en Een soo groo„ ten hoop papieren weder geresu„ =meerd, en g'Examineerd zoude moe„ ten worden, door de heeren welke ter vervulling van de vacante plaat„ sen mogten verkooren zijn: zon„ der nog Eens te spreeken van de in convenienten, welke hier uijt, om„ trend het weg raaken van notable proces stuken zoo door onvoorsie„ ne ongevallen, van brand als andere bij na onafscheidelijk zijnde van losse papieren, sie door veele Ganden moeten gaen, nog verder konden volgen, en ook van den wijd uijtge„ strekten tijd, welke wanneer het proces Demonstratie der middelen Inkomsten en Uijtgifften zer atelid 3379 Sestigh daalders Vervolgens ter Booc„ nigheijdt ^eerst Inlands stux goude doop Rijxd:s Ses thonisz: ge„ bij den onder„ ing onder ao: 1738. wesende Batavia, 3431 23 proces al binnen Een a twee paeren bij uw Ed: agtb: tegen vermoeden in voegen voorsz: konde getermi„ neerd worden, nog op handen zou te staen indien er eens op de sen„ tentie revisie vallen, mitsgrs: als dan beijde door de nieuw aange kome Leeden der Justitie en de ad„ juncten revisseuren na het voor„ gaand Exempel, meede gepretendeerd wierd, om zulk Een aparte resum„ tie van stukken aen een iegelijke eijgenhuijs te neemen, waerdoor het derhalven geschaapen zoude staen, dat gelijk deeze procedu„ ren het Leven van den heer Ver„ Sluijs zaal„r reets hebben ver„ duurd, dezelve ook nog gemakke lijk dat van zijnen onmondigen erfgenaam konden verduuren-. welke