VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 2994

Surat · 330 pages · 138 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_2994_0054 view scan ↗

English

From Sumatra's West Coast, dated 30 January 1760. From Sumatra's West Coast, the 10th of April 1760. Examined. Number 6. The bark De Buijs arrived here on the 6th of February, took in the gold and water on the 7th, and departed on the 8th. Register of the papers which are dispatched today per the sloop De Roos by Commander Fredrik van de Wall and the Council of Padang, consigned to His Excellency, the Highly Honorable, Valiant, and Right Honorable Lord Jacob Mossel, General of the Infantry in the service of the State of the United Netherlands, as well as on behalf of the same and the General Dutch Chartered East India Company, Governor-General, together with the Right Honorable Lords Councilors of the Dutch Indies. Number 1. Original letter written by and to as stated in the heading of this, dated today. Number 2. Ditto separate ditto written by the above-mentioned Commander Van de Wall to the aforementioned Their High Honors. Number 3. Duplicate secret ditto by and to all as above, dated the 20th past. Number 4. A bundle of positive orders from the year 1734 to 1759. Number 5. Two bundles of copies of criminal trial papers concerning the proceedings against quartermaster Jan Keijscher and associates for murder and desertion. Number 6. A bundle of copies of criminal trial papers against the sailors Joseph and Jan Simonsz, relating to the aforementioned proceedings of the said Jan Keijscher. Number 7. A bundle of copies containing the proceedings against a certain Company male slave, Euchie Euchie, and the free Nias Islander Silatanda, the former for murder and the other for transporting and selling a certain male slave, Ontong, belonging to the bookkeeper Willem Koopman. Number 8. Original letter from the king and regents of Baros, addressed to the aforementioned Their High Honors. Number 9. Ditto Malay ditto written by the chief regent of Natal, Dato Bazaar, and lesser regents. Number 10. Ditto from the legitimate pretender of Natal, Bagindo Maha Radja Lello. Number 11. Ditto from a certain Sultan Bancahoeloe, inhabitant of Natal. Number 12. Weighing and packing slip of the benzoin from Baros now being dispatched per the sloop De Roos. Number 13. Ditto of the gold now being dispatched per the bearer of this. Number 14. Invoice and bill of lading of the cargo loaded into the bearer of this. Number 15. Duplicate positive demand of merchandise for this main office for the year 1761. Number 16. Inventory of the bearer of this. Also a small chest with trade books and related ditto papers from the year 1758. Number 17. Report on the benzoin that was found acceptable. Below stood: Padang on Sumatra's West Coast, the 10th of April, Anno 1760. Was signed: B. F. Forcade, sworn clerk. To Batavia, to the same as above. Pursuant to the contents of our last secret letter of the 20th past, we have not delayed the sloop De Roos for a single moment, but have dispatched it as quickly as possible regarding the matters in question via Bancahoulou to your parts; with which we now have the honor to present to Your High Honors, in passing, all the present gold mentioned at the foot of this, and the duplicate of the just-cited letter, with a humble request to send the bearer of this back as soon as possible, as we have no other vessels on hand to be able to supply the subordinate residencies with various necessities; the sloops De Goudvink and De Meeuw shall follow at the first opportunity once they have been repaired and provided with the most urgently needed crew, of which latter those small hulls are completely devoid, and consequently it is impossible for them to depart at the appointed time of the ordinary second dispatch in the middle of this month. Meanwhile, there now passes over to Your High Honors per the bearer of this the Junior Merchant Aarnout Wierman, who, although it was pointed out to him in our meeting that he had only so recently petitioned Your High Honors to be allowed to remain here in order, according to his claims, to prevent his ruin and downfall, nevertheless finds himself so necessitated by his persistent affliction of great breathlessness

Dutch transcription

91 Van Sumatras West Cust onder dato 30: Jaun: 1760: — Van Sumatras West Cust den 10:' April 1760 Nagezien n 6 spild word de Barcq de Buijs den 6 febr: hier ge arriveert den 7:e 't goud en water ingenomen, den 8. vertrokken Register der Papieren die op heden p„r den Chialoup de Roos verzonden werden door den Commandeur Fre„ „drik van de wall en den Raad van Padang geconsig¬ „neerd aan zijn Excellentie Den Hoog Ed: gestr: groot agtb Heere Jacob Moseel Generaal over de Infanteriesen dienste van den staat der ver Eenigde Nederlanden mits gaders van wegens dezelve en de Generale Nederlandse g'octroijeerde oost=Indische Comp: Gouverneur Generaal„ „ 6. Een bondel Copia crimineele proces papieren contra de mattroosen Joseph 1250 lb Dit Register N„o 1 origineele brief gesz: door en aan als in den hoofde dezes gedt op heden d„o apparte d„o gesz door den bovengem: Commandeur van de wall aan welgem: Haar Hoog Edelens „ 3. Duplicaat secreete d„o door en aan all boven ged„t 20 passato „ 4. Een bondel positive ordres van den Jare 1734 tot 1759. „ 5 Twee bondels Copia Crimineele procespa pieren rakende de procedurts Contra den quartiermeester Ian Keijscher C: S: overmoord „ 2. en desertie benevens de wel Edele Heeren Raden van Neder„ „lands India „„ Echten benevens en 93 Van Sumatras West Cust den 10 April 1760. Van Sumatras West Cust den 10 April 1760 en Jan Simonsz relative tot voorn: proceduires van gem: Ian Keijscher. N„o 7. Een bondel copia contineerende de pro„ „ceduires contra zekere's Comp:s mans slaaf Euchie Euchie en de vrije Niasser Silatanda den eerste over moord en den anderen over 't vervoeren en verkoopen van zekere manslaaf on„ „tong van den boekhouder willem Koopman „9 d„o Maleijdse d„o getz: door den Hatters hoofd regent Dato Bazaar en mindere regenten _:o van den wettigen preten¬ „dent van Nathar Bagindo Maha radja Lello _:o van zekeren Zouthan Ban„ „ 10 „ 8 Origineele brief van den koning en regen „ten van Baros g,addresseert aan welgemelde haar Hoog Edelens „ 16. Inventaris van brenger dezes Nog een kistje met negotie boeken en relative do papieren van Ao 1758 „ 17. Rapport van de benzuin die pas„ „sabel bevonden is /:onderstond:/ Padang op Sumatras west „cahoeloe ingeseten van Natter p„r den chialoup de Roos verzonden wer „dende benzuin van Baros. „ 13. _:o van 't thans p:r brenger dezes verzonden werdende goud „ 14. Factuur. Cognoiscement van 't geladene in brenger dezes „ 15. Dubbelde Positive Eijsch van Coopmansz. voor dit hoofd Comptoir d N:o 12. weeg en afpak briefje van de thans Abo 176 /. „ cahoeloe „Cust - -- „ 11. - - VD F 93 25 Van Sumatras West Cust den 10 April 1760 Van Sumatras West Cust den 1:' April 1760. depeche van de Roos met 't goua „staan gevolgt te worde. Cust den 10 April A:o 1760 /:was getekend:/ B: F: Fotrcade E gesw: Clercq. Batavia AAan als voren Na inhoud van onse laaste secree„ „te letteren van 20:e passato, hebben wij den chialoup de Roos geen moment op gehou„ „den maar zo spoedig mogelijk, om, „trent de bewuste affaires, over Ban„ „cahoulou na Costij gedepecheert, waar mede wij thans de eer hebben uw Hoog Ed: en passant al 't aanwezende goud, aan den voet dezes gemeld, bestaande in sl en 't dupplicaat van evengeciteerde letteren, aan te presenteeren met ootmoedig verzoek omme baenger dezes zo spoedig mogelijk weder te rug te zenden alzo wij geene andere vaartuijgen aan handen hebben omme de onderhoorige resi„ „dentien deze of geene benodigtheeden te kunnen laten toekomen zullende en de Heurs p„e naaste de Chialoupen de Goud vink en de Neeuw p:r eerste gelegentheid volgen, wanneer de„ „zelve gerepareerd en van de hoogste benodigde Equipagie voorzien zullen we„ „zen van welk laaste die kieltjes geheel en al ontbloot zijn en dienvolgende onmogelijk op den gezetten tijd der or„ „dinaire tweede bezending onder me„ „dio dezer te kunnen vertrekken. Terwijl thans p„r brenger dezes tot uw den onderkomman„ Hoog Edelens overvaart den onderkoopman Aarnout wierman, die of schoon men hem in onze vergadering onderhouden heeft, dat zaij zo onlangs bij uw Hoog Edelens gevisteerd hadde om hier te mogen blijven, omme na zijn voorgeven desselfs ruine en ondergang voor te komen, zig egter door zijn aanhoudende quaal van groote benauwtheid generes„ zo „siteert 95 Van Sumatras West Cust den 10 April 1768 Van Sumatras West Cust den 1:' April 1760. depeche van de Roos met ½ goua „staan gewegt te worden. Cust den 10 April A:o 1760 /:was getekend:/ B: F: Fotrcade E: gesw: Clercq. Batavia Aan als voren Na inhoud van onse laaste secree¬ „te letteren van 20:e passato, hebben wij den chialoup de Roos geen moment op gehou„ „den maar zo spoedig mogelijk, om, „trent de bewuste affaires, over Ban„ „cahoulou na Costij gedepecheert, waar mede wij thans de eer hebben uw Hoog Ed: en passant al 't aanwezende goud, aan den voet dezes gemeld, bestaande in sEl en 't dupplicaat van evengeciteerde letteren, aan te presenteeren met ootmoedig verzoek omme baenger dezes zo spoedig mogelijk weder te rug te zenden alzo wij geene andere vaartuijgen aan handen hebben omme de onderhoorige resi„ „dentien deze of geene benodigtheeden te kunnen laten toekomen zullende en de heir gemaakte de Chialoupen de Goud vink en de Neeuw p:r eerste gelegentheid volgen, wanneer de„ „zelve gerepareerd en van de hoogste benodigde Equipagie voorzien zullen we„ „zen van welk laaste die kieltjes geheel en al ontbloot zijn en dienvolgende onmogelijk op den gezetten tijd der or„ „dinaire tweede bezending onder me„ „dio dezer te kunnen vertrekken. Terwijl thans p„r brenger dezes tot uw den onderkomman„ Hoog Edelens overvaart den onderkoopman Aarnout wierman, die of schoon men hem in onze vergadering onderhouden heeft, dat zij zo onlangs bij uw Hoog Edelens gevisteerd hadde om hier te mogen blijven, omme na zijn voorgeven desselfs ruine en ondergang voor te komen, zig egter door zijn aanhoudende quaal van groote benauwtheid generes„ zo „siteert

NL-HaNA_1.04.02_2994_0058 view scan ↗

English

From Sumatra's West Coast, the 10th of April 1760. From Sumatra's West Coast, the 10th of April 1760. cash balances at Baros, as we, through the exchange of doits, will be able to [illegible], which are now there so [illegible], over herewith. finding himself necessitated to request his relief without awaiting Your High Nobilities' disposition on his first request to be permitted to remain here, which we therefore did not wish to refuse him. Regarding the reasons required by Your High Nobilities for the magnitude of the cash balances at Baros, now having been elucidated by the resident, we have the honor to supply Your High Nobilities with the explanation: namely, that by the deceased resident there, Cornelis van Bareveld, just before his death, a considerable sale of linens and other merchandise was brought forward to a significant amount of ƒ17560: 11: 8, whereby the same, after his decease, was short a sum of ƒ10080: — in cash. In settlement of this, the undersigned secretary Boudewijnsz, as executor of the said estate, counted that amount into the cash office here, which was credited to Baros, thus making together a sum of ƒ27640: 4: 8. These large balances have already been substantially reduced by resident Sieben, and furthermore, necessary care will be taken that in the future he does not come to keep more money in cash than that which is needed for the household in a full year. Likewise, with regard to our cash balances, by the expected direct ship, a large portion of the doits that have been lying without interest in the Company's warehouse for some years will, according to our promise in letters of the 10th of October 1758, be bartered for gold and remitted at 23½ rixdollars per thail of 21½ carats, whereby our cash office will also be notably reduced. We now have the honor to send Your High Nobilities the positive orders, which have been arranged and brought to perfection according to the received model by the fiscal Thierens, in the hope that the same may turn out in this manner according to the true intention and to the satisfaction of Your High Nobilities. 99. From Sumatra's West Coast, the 10th of April 1760. From Sumatra's West Coast, the 10th of April 1760. The semi-annual profits have turned out reasonably well. With regard to commerce, we have the honor to communicate to Your High Nobilities that the semi-annual profits in the current book year have turned out reasonably well, as they, in comparison with the past half book year, surpass an amount of ƒ5636: 9: 8; for in the past year the profits were only ƒ29601: 7: 8, and now they amount to ƒ35030: 12: 8. And even though the expenses now happen to yield ƒ30438: 12: 8, the Company is nevertheless favored with an excess profit of ƒ4591: —, and that only at this main office, not counting the profits which the other three residencies, Chinco, Adjerhadja, and Baros, will apparently still have had the opportunity to achieve; and thus an indication that this Coast is now beginning to flourish somewhat and is keeping its head well above water, in the manner as shown briefly below: The increased profits and decreased expenses being added together, it appears that this office, in contrast to the past year, is favored with an amount of ƒ5636: 9: 8, shown as: Past Year | Current Year | Less | More Ordinary rations: ƒ4128: 14: — | ƒ3900: 8: — | ƒ227: 12: 8 | — Ditto expenses: ƒ4097: 4: — | ƒ3971: 12: ½ | ƒ125: 12: — | — Ditto extraordinary: ƒ269: 9: 8 | ƒ251: 10: — | ƒ17: 19: 8 | — Ditto of vessels: ƒ2825: 3: 8 | ƒ3074: 8: — | — | ƒ249: 4: 8 Carpentry and repairs: ƒ1905: 10: 8 | ƒ841: 6: 8 | ƒ1064: 4: — | — Hospital charges: ƒ862: —: — | ƒ1061: 12: — | — | ƒ199: 12: — Monthly wages of the July servants: ƒ491: 8: — | ƒ437: 2: — | ƒ54: 6: — | — Expenses of slaves: ƒ1861: 8: — | ƒ1648: 8: 8 | ƒ212: 19: 8 | — The pay book of the Europeans: ƒ7218: 7: 8 | ƒ6625: 4: 8 | ƒ593: 3: — | — Ditto of Natives: ƒ1370: 6: — | ƒ1295: 8: 8 | ƒ74: 17: 8 | — Account of expedition: ƒ134: 10: 8 | —: —: — | ƒ134: 10: 8 | — Ditto of the Court of Justice: ƒ485: 15: 8 | ƒ85: 17: 8 | ƒ399: 18: — | — Expenses of ships: —: —: — | ƒ1334: —: 8 | — | ƒ1334: —: 8 Fortification charges: —: —: — | ƒ458: 16: — | — | ƒ458: 16: — Total: ƒ30646: 17: — | ƒ30438: 12: 8 | ƒ2677: 10: — | ƒ2469: 5: 8 The expenses of this year being deducted from the previous: ƒ30438: 12: 8, and the surplus ƒ2469: 5: 8. Thus the expenses of this year are less: ƒ208: 4: 8. Agrees: ƒ208: 4: 8. The semi-annual profits of the past year amount to: ƒ29601: 7: 8. Ditto of this year: ƒ36029: 12: 8. Thus the profits of this half year yielding: ƒ6428: 5: —.

Dutch transcription

Van Sumatras West Cust den 10 April 1760. Van Sumatras West Cust den 10 April 1760 restanten der Cas op bdaros als bij ons door de in„ „wisseling der duijten in staat te werden die thans daar zo hier nevens over. „siteerd vindende omme zijne verlossing te verzoeken, zonder uw Hoog Edelens dis positie af te wagten, op zijn eerste ver„ „zoek om alhier te mogen verblijven 't geene wij hem dan niet hebben willen wijgeren Nopens de door uw Hoog Edelens gerequireerde redenen van de grootheid der restanten van de cas op Baros thans door den resident g'elucideert zijnde heb„ „ben wij d' eer uw Hoog Edelens zulx te suppediteeren als dat door den overl: resident aldaar Cornelis van Bare „veld, even voor zijn dood, een consudirablen verkoop lijwaten en andere koopmansz is opgebragt tot een aansienelijk mon„ „tand van ƒ17560: 11:8:, waar door dan den „zelven na zijn overlijden een som¬ „ma van ƒ10080: — aan Cassa te kort gekomen was, tot welkers voldoening den laast geteekende secretaris Boude„ „wijnsz: als executeur van gemelde boe„ „del, dat montand alhier in cassa ge „teld heeft, het geen Baros aangerekend waare en dus te samen een Somma van ƒ27640: 4:8: uijtmakende welke grooten restanten door den resident Sieben alreets wel vermindert zijn merkelijk vermindert zijn en verders de nodige zorge zal gedragen werden dat hij in 't vervolg niet meerder geld in cas „sa komt aan te houden, als 't geene dat in de huijshouding in een rondjaar bend goud geremitteert „digt is, gelijk ten aanzien van onze re „stanten der cassa p:r 't verwagt werdende directe schip een groot gedeelte van de nu eenige Iaren in 's Comp. s pakhuijs-renteloos gelegen hebbende duijten na onse belifte bij brieven van 10 october 1758 in goud getroc„ gueert en geremitteerd zullen werden tegens 23½ rd:s 't thail van 21½. Carraat en waar door dan onze cassa ook merke „lijk verminderen zal. Thans hebben wij de eere uw Hoog depositive ordres gaan Edelens te laten toekomen de positive ordres die na het overgekomene model geschikt en in volkomentheid gebragt zijn door den fiscaal Thierens, in hope, dat dezelve in diervoegen na de waare g'eerde 99. Van Sumatras West Cust den 10 April 1760. — Van Sumatras West Cust den 10 April 1760. De halfjarige winsten zijn redelijk welgeslaagt g'eerde intentie en tot genoegen van uw Hoog Edelens mogen uijtvallen Ten aanzien van den Handel hebben wij de eer uw Hoog Edelens te communiceeren als dat de halfjarige winsten in 't te„ „genswoordige boekjaar nog al redelijk wel geslaagt zijn wijl die in vergelijk van het gepasseerde halve boekjaar een montand van ƒ5636:9:8: Surpas„ waaren „seeren want in a„o passato wa de winsten maar ƒ29601: 7: 8: en nu bedra„ „gense ƒ35030: 12: 8: en of schoon ook de lasten thans ƒ30438: 12:8: komen te rendeeren zo is egter de Comp: bevoordeelt met een overwinstje van ƒ4591: en dat maar alleen op dit hoofd Comptoir ongerekend de winsten, die de andere drie residen„ „tien Chinco Adjerhadja en Baros nog apparent behaald kans zullen heb¬ „ben en dus een blijk, dat deze Cust thans eenigsints begint te floreeren en het hoofd ruijm boven water komt te houden indiervoegen als hier onder in 't korte De meerdere winsten en mindere lasten bij den andere g'addeert zijn„ „de consteerd dat dit Comptoir in tegenstelling van a:o verleden bevoordeelt is met een montant van ƒ5636:98:— aangewezen werd als. A„opassato A:o Courant minder meerder Randsoenen ordinair - - - ƒ4128:14 9350: 80 s anno passato Onkosten d„o - - - - - - „4097: 4 —- „3971: 12½„ 125: 12 ƒ227: 12. 8. D:o Extraordinair — — - - „ 269 9 8: „ 251: 10 — „ 17 19 8 — — — D„o van vaartuijgen - - - - „ 2825: 3: 8: „ 3074: 8: —„ — — — 249 4: 8: Timmeragie en Reparatien - - „ 1905: 10 8: „ 841: 6 8: 1064: 4 — — — — Hospitaals ongelden - - - - „ 862 — — 1061: 12 — — „ — - 199: 12 — Maandgelden der Jul: dienaren — „ 491: 8 — „ 437: 2 — 54: 6 — — — — onkosten van Leijfeijgenen — - „1861: 8:—„ 1648: 8 8: „ 212 19 8: — — — 'T zoldij boek der Europeezen — - „ 7218:7: 8 „ 6625: 4 8: 593 3 — — — — _:o „ Inlanderen — —„1370. 6 — 1295: 8 8: „ 74: 17: 8: — — — Reekening van expeditie — — — „ 134. 10 8: —: — — 134. 10 8: — — — d„o der kamer van Justitie - - „ 485. 15. 8 „ 85: 17: 8: „ 399: 18 — — - onkosten van scheepen — — „ —: — - 1334: — 8: —: — —„ 1334. — 8. Fortificatie ongelden — — „ — - -„ 458. 16 — —„ — — „ 458 16 — Teld — — ƒ30646 17— ƒ 304 38. 12 8 ƒ 2677: 10 — ƒ 24695 8. De lasten van dit jaar van 't pro„ „rige gedetraheert zijnde — „ 30438:12: 8 En 't meerdere ƒ 24695: 8: zo zijnde lasten van dit jaar —„ 20: 4: 0: Accordeert„ 200 4: 8: _o minder - - - de ½ Jarige winsten van d„o ver„ ƒ29601. 78. „leden bedragen - „ „ „ „ „ van dit jaar —: — — „ 36929:12: 8: Dus de winsten van dit half jaar ƒ6428:5— rendeerende E aangewezen J E

NL-HaNA_1.04.02_2994_0060 view scan ↗

English

From Sumatra's West Coast, the 10th of April 1760. Expenses cannot possibly be reduced to f 75000. Instance regarding Radja Boukiet only receiving military honors. Good financial year expected. We have good hope and expectation that by the end of August of this upcoming financial year our books can be closed with a considerable surplus profit, and for which advantages no trouble is spared, but all efforts are made by those to whom this is incumbent. However, it again clearly appears that the budgeted f 75000 for the expenses of this Coast is insufficient, no matter how carefully the household is managed, since this office alone rendered f 30430:12:8 over the past half year, and ordinarily at the closing of the books at the end of August the expenses of that half year will be higher, they will amount to far above f 60000; and since one cannot really estimate less for the outer offices than f 5000 for Chinco, f 3000 for Adjerhadja, f 4000 for Baros, and thus f 24 to 25000 in a full year, we therefore request Your High Nobilities to take this into consideration, the more so because the expenditure under current circumstances appears likely to become greater and items not known in the memorandum of retrenchment are added, such as ship expenses, etc. Since Commander /late/ Van Herzeele gave the head regent of the district of Surcam, Radja Boukiet, upon his arrival at Baros and departure from there each time the military honors and five cannon shots, in the event that through his doing the English could have been driven from Tappianoelij, but since he has already enjoyed that honor several times, the King of Baros complains so much about this that he has already made a request to us by letter to abolish these marks of honor and five shots for Radja Boukiet, alleging that such does not belong to him as being a subject of Radja Baros, about which we are in such an awkward position that we have not been able to take any resolution on this, but are most respectfully awaiting Your High Nobilities' honored advice on this matter. With the humble request, since Radja Boukiet has already once or twice incited a party of Achinese to attack the English at Tappianoelij, though it turned out to have no effect, that Radja Baros might be addressed by Your High Nobilities to let only the military honors be given to the aforementioned Radja Boukiet and to abolish the five shots, which we think would be best for peace in this manner, upon which we will also satisfy Radja Boukiet; for to take everything away from him now could very easily give rise to unrest and disputes at some time, because Radja Boukiet has a considerably larger following of Achinese than all the people of the district of Radja Baros amount to. To which Radja Baros, at his urgent request, we made a present of a keg of sharp musket cartridges, because he gave us to know that he was fearful of the Achinese (who, according to the reports received, had already settled at Tappianoelij) and that several of those people were wandering around the district of Baros. However, we think that they have not the least evil intention against the Company, but since that nation comes here to Padang year in and year out with their vessels into the river to exchange their products of camphor and benzoin in trade for other merchandise, and that those people had recently wandered around somewhat in the vicinity of Baros, it was solely to attack the English of Tappianolij, who were their sworn enemies; for at that time, or two months ago, the English were still there. But since these competitors of ours have already removed from there, the Achinese have gone to Tappianolij and made themselves masters there of the captured goods that were left behind by the French as prey for anyone and everyone. And thus we are by no means fearful of that nation, which we will also manage to talk out of Radja Baros's head, in order to encourage him by letters at the same time to live in good friendship as neighbors with that nation, which is now more than ever the Company's allies. Furthermore, we have the honor to bring to Your High Nobilities' knowledge that our military men sent from here to Nattar have arrived safely, of which men the provisional resident Van Moschel, in accordance with our orders given to him, has sent a European corporal, 4 European privates, and three Bugis soldiers to Tappianolij, in order to provisionally hold a post there until further orders from Your High Nobilities. He also communicates to us that through a general assembly of all the regents of Nattar, the legitimate pretender Bagindo Maharadja Lello and Dato Bazaar, with their associates, have united to live in good friendship with one another henceforth; and to that end all the merchants had likewise appeared inside the fort, who had come to make a request to the aforementioned Van Moschel to demand from us some linens, iron, and other merchandise. Whereupon he then having made a requisition, the fulfillment of which we wished to leave postponed until further orders from Your High Nobilities, although we would very gladly have sent him a few linens and iron, but because the sloops the Goudvink and the Meeuw, due to heavy leaks,

Dutch transcription

101 Van Sumatras West Cust den 10 April 1760. Van Sumatras West Cust den 10 April A„o 1760 „ten hebben. lasten onmogelijk op ƒ 75000 gekeld kun „nen werden. jnstantie om radja boukiet maar alleen te ratstoehoehonneur goede boekjaar de verwaz dat wij van dit boekjaar onder ult„o aug=s aanstaande goede koop en verwagting hebben onse boekjes met een aansienelijke over winstge gesloten zullen konnen werden en tot welkers advantagies geene moeijten gespaard maar alle devoiren in 't werk gesteld werden door den geene wien zulx incumbeert. oor omsteert dat de Dog blijkt alweder klaar dat de gestelde ƒ75000: voor de lasten dezer Custe niet toeko „men alschoon de menage nog zo behar„ „tigd werd, wijl dit Comptoir alleen 't gepasseerde half jaar ƒ30430: 12: 8. ren„ „deeren en al ordinaire bij 't sluijten van de boeken onder ult„o aug: de lasten van dat half jaar meerder zullen zijn, zullen dezelve verre boven de ƒ 60000 komen te bedragen en wijl men niet wel minder voor de buijten Comp„ „toiren kan stellen dan op Chinco ƒ5000. Adjerhadja f 3000: Baros ƒ4000 en dus in een rondjaar ƒ24. a 25000, verzoeken wij derhal „ven uw Hoog Edelens zulx in consideratie te neemen, te meer wijl de omslag na Door den Commandeur /Z: / van Herzeele aan den hoofd regent van de negorie Surcam Radja Boukiet bij zyn aankomst tot Baaos en vertrek van daar telkens 't militair honneur en vijf canon sihoo „ten gegeven zijnde, ingevallen door zijn toe doen de Engelsche van Sappianoelij ver„ „dreven hadde konde werden, dog dewijl hij dat honneur alreets diverse malen genoten heeft, zo komt den koning van Baros hier over zodanig te doleeren dat reets aan ons bij brieven verzoek gedaan heeft deze eer bewijsing van p se seafschooten Radja Boukiet af te schaffen met voorgeven dat hem zulx niet toe„ komt als een onderdaan zijnde van Radja Baros waar over wij dan zodanig verlegen zijn dat wij hier op geen besluijt hebben kunnen neemen deze tijds omstandigheden grooter scheijnd te zullen werden en dat er zaken bij de memorie van menage niet bekend bijkomen, gelijk onkisten van schepen. &a deze maar 103. Van Sumatras West Cust den 10 April 1750 Van Sumat=s West Cust den 10 April 1760. met om dat hij vreest voor die bij ons egter vor goede bondgenster van de Comp:e maar uw Hoog Edelens g' eerde advisen hier omtrend op 't eerbiedigste afwagtende met nedrig verzoek dewijl Radja Bou„ „kiet reets een en ander male een par„ „thij atchienders aangezet heeft om de Engelse op Sappianoelij te attacqueeren zonder egter van effect te wezen, uijt „gevallen dat Radja Baros door uw Hoog Ed. s aangesz mogte werden het militaire honneur maar alleen aan gem: Radja Boukiet te laten geven en de vijf schoten af te schaffen, 't geen wij denken op deze wijze 't best voor de rust te weezen als wanneer wij Radja Boukiet ook wel zullen te vreeden stellen want om hem nu alles af te neemen zouw hier uijt te eeniger tijd heel ligt onlusten en brouillerijen gebooren kunnen werden om dat Radja Bou¬ „kiet vrij wat grooter aanhang van schienders heeft als Radja Baros zijne gantsche negorie volkeren komen uit te maken. Aan welke Radja Baros wij op zijne nikelije instaa E en geen vaa t een e scherpe snaphaan pattroonen present gedaan hebben uit hoofden hij aan ons te kennen gaf, voor de Atchinders deatelinders. /:die zig thans na de ontfangene berigten op Pappianoelij reets genesteld haaden:/ bevreest te wezen en dat er verscheijden van die volkeren om streeks de negorie Baros rondswervende waren, dog wij denken dat dezelven tegens de Comp. geen de minste quade meening hebben maar naardien die natie hier op Padang Iaar in saar uijt met haare vaarthuijgen in de rivier komen om haare producten van Campher en benzuin in trocque van andere koopman schappen om te zetten en dat die volke„ „ren onlangs zo wat rond gesworven hadden omstreeks Baros, is maar alleen geweest om de Engelsche van Tappia„ „nolij die hunne geswoore vijanden waren te attacqueeren, want in die tijd ofte voor twee maanden waren zijne de 105. Van Sumatras West Cust den 10 April 1760. Van Sumatras West Cust den 10 April 1760 ons mans zijn op Nattar aangekomen rop wij wel hem de regents op Nattar leve wel met elkander: de Engelsche daar nog, maar dewijl deze onse Competiteuren reets van daar verhuijst zijn, hebben de At„ „chinders zig tot Tappianolij begeven en hun aldaar meester gemaakt van de veroverde goederen die door de fransche ter proije van alle en een ijgelijk agter gelaten zijn, en dus zijn wij in vriendschap zal moet in geenen deele bedugt voor die natie 't geene wij ook wel ijt Radja Baros zijn hoofd zullen paaten om hem bij bij brieven ook teffens te animeeren dewelke met die natie dezelve thans meer dan ooijt 's Comp:s bondgenoten zijn als nabuuren in goede vriendschap te leven: Wijders hebben wij de eer uw Hoog Ed. s ter kennisse te brengen, als dat onze van hier na Nattar gezondene militairen behouden g'arriveerd zijn van welke mansz den p:l resident van Moschel een Europees Corporaal 4. gemeene d„o en drie bougineesen mi„ „litairen conform onse aan hem gegevene ordres na Pappianolij gezonden heeft omme aldaar tot nadere ordres van uw Hoog Edelens bij provisie post te Ook communiceert denzelven aan ons dat door eene generale sament vekkarig roeping der gesamentlijke regenten van Nattar den wettigen pretendent Bagindo Maharadja Lello en Dato Bazaar c: s. zig vereenigd hebben omme voortaan met elkander in goede vriendschap te leven en tot dien eijnde almede binnen 't fort verscheenen ware de gesamentlijke koop „lieden die aangem: van Moschel ver„an den „zoek waren komen te doen omme van ons eenige lijwaten ijser en andere koopman sz: te eijsschen en waar op den„ „zelven dan een eijsch gedaan hebbende wiens voldoening wij tot nadere ordres van uw Hoog Edelens uijtgesteld hebben willen laten, hoewel wij hem zeer gaarne een wijnig lijwaten en ijzer wilde toe wat zoude toekuden „zenden maar door dien de chialoupen de Goudvink en de Meeuw zo door sware vatten gegevene leckagien

NL-HaNA_1.04.02_2994_0063 view scan ↗

English

From Sumatra's West Coast, the 10th of April 1760. From Sumatra's West Coast, the 10th of April 1760. cannot put to sea leaks as well as a great lack of sails and further equipment of ropes, pitch, tar, and grease, it being impossible to put to sea, as we are not in a position to be able to let him have the same, whereof the Meeuw in particular is in such a state that, before and until we shall be provided with the most urgently needed equipment, it cannot be made capable of undertaking the voyage to Batavia, so that through such a circumstance, having to retain that vessel, the crew assigned thereto causing wages to run higher and burdens to be increased, and similar occurrences frequently happen here on the Coast, such that what one has resolved on one occasion, one must resolve entirely differently due to the alteration of the circumstances of the times, which must continually increase the burdens, in the hope that this provided account may find some consideration with Your High Excellencies. 26 5/16 mq: purchased privately by the same at ƒ370:- the mq: fine comes to - 9768: 1: 8: 2400 lb extra ordinary white benzoin purchased by the Baros resident at 12 stivers the lb. - - - - 1646: 6: — 10750 ordinary white benzoin purchased by the same at 8 stivers the lb - - - 8366: —: 8: 3430 benzoin gifts from the Baros regents - - 1430: 18: — 7½ Camphor gifts from the Baros regents - - 150: —: — All to a general amount of ƒ79835: 11: 8. Furthermore, we have, as quickly as possible, collected all the present gold that we could only gather together, along with the received products of Baros, among which the gift of the Radja of Baros and Regents according to their letter included under No. 8 is comprised, shipped off in the bearer of this, which cargo consists of the following: 207 3/6 mq: or 1245 7/8 Rrl: melted gold, whereof 101½ mq: assayed and collected by the administrators van Staveren and Palm, calculated at ƒ30 the ½ mq: fine comes to — — — ƒ50624: 11: 8: further 107. 109 From Sumatra's West Coast, the 10th of April 1760. From Sumatra's West Coast, under date the 10th of April 1760. Wherewith we come to call ourselves, with due respect and reverence, below stood: High Honorable, Valiant, Highly Esteemed Sirs, and Honorable Sirs, lower: Your High Excellencies' humble and very obedient servants, was signed: I. F. van de Wall, H. van Staveren, I. A. Thierens, R. Palm, S. Boudewijntz, in the margin: Padang on Sumatra's West Coast, the 10th of April 1760, lower: P.S.: After the contents of this were already signed, the positive demand of the required merchandise was brought into readiness as quickly as possible by the administrators; and because the departure of the chaloup de Goudvink might at times drag on all too long, we have the honor to present the same to Your High Excellencies according to the register under No. 15. Radja Abrahim Orangkaija Mara Baros Radja Goenong Orang Kaija Base Translation of a Malay letter written by the King and Regents at Baros to Their High Excellencies, the Honorable High Indian Government, received at Batavia the 13th of June 1760. After the usual preamble. Furthermore, Radja Baros and Radja Ibrahim, along with all the Panghoeloes at Baros, communicate to Their High Excellencies that they have received their letter and gifts with the required ceremony and well understood the contents thereof, for all of which we remain grateful to Their High Excellencies, and hereby offer to Their High Excellencies, in recompense for the aforesaid gifts, the following, to wit: 6 catties of camphor and 10 bundles of benzoin from Radja Baros 7 bundles from Radja Abrahim 7 bundles from Orangkaija Mara Baros 7 bundles from Radja Goenong 1 bundle from Orang Kaija Base 111 From Sumatra's West Coast, under date the 10th of April 1760. From Sumatra's West Coast, under date the 10th of April 1760. 1 bundle of benzoin from Radja Satia Pela 1 bundle from Radja Satia Moeda 1 bundle from Ponghoeloe Hakim 1 bundle from Macha Radja Moeda as well as 1 bundle from Radja Bandahare Lastly, Radja Baros requests of Their High Excellencies twenty ells of gold-yellow flowered cloth. Written in the settlement of Baros on Thursday in the month ... 1179. Below stood: Translated, was signed: Wm Gordon. Translation of a Malay letter written by Dato Bezar and Radja Darat, together with the lesser regents at Natar, to the Commander and Council of Padang, received at Batavia the 12th of June 1760. After the usual praises. Furthermore, Dato Bezar communicates that he has obeyed the order of the Commander, namely to be reconciled with Maha Radja Lela and to renew friendship, at the same time being helpful to him both by water and by land, to which end we have promised each other under written signature, in the presence of the Resident and the four lesser regents, as well as all the merchants at Nattar, to be faithful to one another, and nevermore make mention of past differences, but on the contrary to attend to everything that can tend to prosperity and well-being, so that the trade at Natar may thereby flourish more and more over time. Furthermore, I request that the Commander and Council forgive the Malay peoples at Natar for their committed errors; the reason why I ask such is because we five persons named below are natives of Natar, namely Dato Bezar, Radja Darat, Baginda Maha Radja Lela, Radja Poeti, as well as Soetan Mahugoes, for the remaining peoples of Natar are mostly that [illegible]

Dutch transcription

Van Sumatras West Cust den 10 April 1760. Van Sumatras West Cust den 10 April 1760. ges zee ke setuijgen kunnen leckagien als groot manquement aan zijlen en verdere Equipagie van touwen pik, teer, en smeer, onmogelijk zee kun„ „nen kiezen wij niet in staat zijn om dezelve hem te kunnen laten tocke „men waar van de Meeuw inzonder „heid zodanig gesteld is, dat voor en al„ eer wij van de hoogst benodigde Equipa„ „gie voorzien zullen wezen niet in staat gesteld kan werden de reijse na Batavia te kunnen onderneemen zo dat door zulken toeval het moeten aanhouden van dat vaarthuijg door swart wrden o de daar op bescheijdenen volkeren alweder de zoldijen hooger lopen en de lasten beswaart werden en diergelijken ont„ „moetinge vallen hier ter Custe dikwils voor, dat men de eene keer geresolveerd heeft door de verandering van de tijds omstandigheden heel anders diend te resolveeren dat de lasten telkens moet beswaren in hope dat dit ge„ „suppediteerde bij uw Hoog Edelens eenige consideratie zal mogen vinden. 26 5/16 mq: door dezelve particulier inge„ „kogt tegens ƒ370:'t m9: ff: komt„ 9768: 1: 8: 2400: lb benzuin extra ord: witte doorden Barossen resident ingekegt te„ „gens 12 stvers 't lb. - - - -„ 1646: 6. —. 10750 „ ordinaire witte bensuin door denzelven ingekogt tegens 8 „8366: —: 8: 3430: „ benzuin schenkagien van de Barosse regenten - - „ 1430: 18: —: 7½: „ Camphur schenkagien van de barsse regense„ 150: —: —. Alles tot een generaal bedragen van ƒ79835. 11:8. stver 't lb — — — Voorts hebben wij zo spoedig mogelijk alle 't aanwezende goud, dat wij maar bij den leding van brengen dees anderen hebben kunnen versamelen, ne „vens de ontfangene producten van Baros waar onder de schenkagie van Radja Baros en Regenten na hunne onder N„o 8. ver „sellende brief begrepen is in brenger dezes afgescheept welke lading hier in bestaat als. 207 3/6 mnq: of 1245 7/8. Rrl: goud gesmolten daar van 101½: inq: geessaijeert en ingesameld door de administrateurs van staveren en Palm gerekend tegens ƒ30 '½ mq: fijn — — — ƒ50624: 11:8: voorts komt - 107. 109 Van Sumatras West Cust den 10 April 1760 Van Sumatras West Cust onder dato 10 April 1760. Waarmede wij ons met verschuldigde eerbied en ontstag komen te noemen /:onderstond:/ Hoog Edelen gestr: groot Achtb: Heere en wel Edele Heeren /:lager:/ uw Hoog Edelens onderdanige en zeer gehoorsame die„ „naren /:was getekend:/ I F: van de wall, H. van staveren, I: A. Thierens, R: Palm, S: Boudewijntz /:in margine:/ Padang op Su„ „matras westCust den 10 April 1760. /:lager:/ P: s: na dat den inhoud dezes reets getekend, ware door de administrateurs den posi„ „tiven eijsch der gevordert werdende Coopmansz: nog ten spoedigste ingereedheid gebragt, zijnde, om dat 't vertrek van den Chia„ loup de goud vink somwijlen nog al te lang zoude kunnen aanlopen, hebben wij d'eer uw Hoog Ed:s dezelve na register onder N:o 15. aan te presenteeren „ Radja Abrahim orangkaija Mara Baros „ Radja goenong orang Kaija base Translaat Maleijdse Brieff gesz: door den Koning en Regenten tot Baros Aan Haar Hoog Edelens d, Edele Hooge Indiase Re„ „geering. ontfangen denr Batavia den 13 Junij 1760. Na gewoone voorreden. Wijders communiceeren Radja Baros en Radja Ibrahim benevens de gesamentlijke Panghoeloes tot Baros aan Haar Hoog Eds dat derzelver missive en geschenken met de vereijschte statie hebben ontfangen en dies inhoud wel verstaan voor welke een en ander wij haar Hoog Ed= dankbaar blij„ „ven en offereeren bij dezen haar Hoog Ed:s in recompens van voorsz: geschenken, 't volgende te weten als. 6 Catjes camphur en van Radja Baros 10 bondel benzuins 7 _ _o Translaat verte G N 7 _o _o 7 _o _:o 1 _o _o - „ „ 111 Van Sumatras West Cust onderdto 120 April 170. Van Sumatras West Cust onder dato 10 April 1760 „ bondel benzuin van Radja Satia Pela 1 _o _„o „ Radja Satia Moeda 1 _o _o „ Ponghoeloe Hakim 1 _o _o „ Macha Radja Moeda mitsgaders 1 —„ _:o Radja Bandahare Laastelijk versoekt Radja Baros aan Haar Hoog Edelens om twintig elle goud geel stof gebloemt Geschreven in de negorie Baros op Donderdag in de maand. . . 1179 /. on„ „derstond:/ getranslateerd /was get:d W=m gordon H Translaat Maleijdse briev gesz: door Dato Bezar En Radja Darat mitg.:s de ver mindere regenten tot Natar aan den Commandeur en Raad van Padang ont„ fangen Batavia den 12 Junij 1760. Na gewoone lof betuijgingen Wijders communiceerd Dato Bezar dat het bevel van den Commandeur heb opgevolgt namentlijk om met Maha Radja Lela te persoenen en de vriendschap te vernieuwen teffens hem behulpsaam te zijn zo te water als te land ten welken eijnde wij elkander onderhandtatting beloofd hebben in presentie van den Resident en de vier mindere regenten mitsgaders alle de Handelaars tot Nattar malkanderen getrouw te zijn en omtrend de voorledene verschillen nooijt meer gewag te maken maar daar en tegen alles te behertigen wat tot heijl en welstand kan strekken op dat daar door de negotie hoe langs hir meer tot Natar mag floreeren. Verders, versoeke dat den Commandeur en raad Maleidse volkeren tot Natar haare begane misslagen vergeeft; De reden waarom zulx versoek, is, om dat wij vijf onder te noemene perzonen inboorlingen zijn van Natar namentlyk Dato Bezar Radja Darat, Baginda Maha Radja Lela, Radja Poeti, mitsg.:s soetan Mahugoes, want de overige volkeren van Natar zijn meest dat af

NL-HaNA_1.04.02_2994_0066 view scan ↗

English

173 From Sumatra's West Coast, dated 10 April 1760 From Sumatra's West Coast, dated 10 April 1760. departing and arriving traders. For the rest, I have nothing to accompany this except our friendly greetings, wishing continuous health. Was written below: End. Lower: Translated by, signed, P. W. Gordon. D V Translation of a Malay letter written by Baginda Maha Radja Lela to the Commander and his Council at Padang; received at Batavia the 12th of June 1760. After preceding expressions of praise. Furthermore, Baginda Maha Radja Lela, Regent of Natar, makes known to the Honorable Commander Fredrik van de Wall and his Council at Padang, that I am reunited with the Regent Dato Bezar in the presence of the resident and various other qualified persons. Further, I request from the Honorable Commander and his Council at Padang ten or twenty soldiers and a drum to prevent unforeseen incidents; at the same time reporting herewith that there is a great shortage here in Natar of trade in white and black linens as well as iron. Furthermore, I report that I have sent a Malay to escort the Europeans and the Bugis to Tapianolie, who have currently settled down there. Lastly, concerning a certain subject of mine, who was sentenced to a fine by the resident and whose goods were confiscated: for that matter, I am for the present awaiting the Honorable Commander's prudent judgment and decision. Was written below: End. Lower: Translated by, was signed, P. W. Gordon. Further Translation E f 115. From Sumatra's West Coast, dated 10 April 1760. From Sumatra's West Coast, dated 10 April 1760. Re: this Register. Translation of a Malay letter written by Sultan Awal oedien to the Commander and Council at Padang, received at Batavia the 12th of June in the year 1760. After the customary compliments, the contents read as follows: Furthermore, Sultan Awal oedien communicates with manifold greetings to the Commander Fredrik van de Wall and his Council at Padang, that since my friends, the English nation, have been dislodged from Natar and the Dutch Company is currently present at Natar, I very kindly request such an arrangement as may serve for tranquility and well-being, since your Honor's servant aims for nothing other than amicable peace and affectionate friendship; being for that purpose, God willing with life and health, intending to come over to Padang for a single day or two No. 2. Invoice of the gold sent with the aforementioned sloop. No. 3. Weighing declaration of the commissioners for the small packing of the same. No. 1. A missive to His Excellency and the further High Government at Batavia. Register of the papers which are dispatched today per the sloop de Roos towards Batavia, consigned to His Excellency and the further High Government, to pay a visit to the Honorable Commander. Having nothing further to accompany this as a token of life than my friendly greetings, wishing continuous health. Was written below: End. Lower: For the translation, was signed, P. W. Gordon. Padang No. 4 117 From Sumatra's West Coast, dated 10 April 1760. Signed, J. P. v. d. Elias. No. 4. A positive requisition of various goods for the year 1760/1761, together with a catalogue of medicines. No. 5. Memorandum of the outstanding debts among the native population as of the end of February, together with a note of what remains for the account of the Messrs. van Herzeele and van Ha- veren here from remaining merchandise. No. 6. Memorandum as found here as of the end of February. No. 7. Note of unserviceable goods which were shipped in the aforementioned sloop. Was written below: Pulau Chinco, the 15th of April 1760. At present, I again have the honor to present to Your High Nobilities per the sloop de Roos the gold collected here since the last shipment per the bark de Buijs, amounting to 5 7/16 marks or 347 7/8 thls., as shown by the accompanying invoice and weighing declaration. Furthermore, having most humbly referred myself to the papers accompanying this, I remain, after having recommended Your Excellency and the further High Government to God's protection, with the greatest veneration, Was written below: [illegible] Lower: P. v. d. Elias. In the margin: Pulau Chinco on Sumatra's West Coast, the 16th of April in the year 1760. Batavia. To as before. From Sumatra's West Coast, dated 10 April in the year 1760. Batavia.

Dutch transcription

173 Van Sumat=s West Cust onder dato 10 April 1760 Van Sumatras West Cust onder dato 10 Aprl 1750. af en aankomende handelaars voor 't overige hebbe hier niets bij te doen geleijde dan onse vriendelijke groete onder toewensching van continueele gezondheid /:onderstond:/ eijnde /:lager:/ overgezet door /get:d/ P: w: gordon D V Translaat Maleijtse brief gesz door Baginda Maha Radja Lela aan den Comman „deur en desselfs raad tot Padang; ontfangen Batavia den 12 Iunij 1760. Na voorgaande lof betuijgingen. Wijders maakt Baginda Maha Radja Zela Regent van Natar aan den Heer Commandeur Fredrik van de wall en desselfs raad tot Padang bekend, dat ik met den Regent Dato Bezar we„ „der ben verEenigd in presentie van den resident en verschijde anderen ge„ „qualificeerde Verders verzoek ik aan de heer Comman„ „deur en desselfs Raad tot Padang thien of twintig zoldaten en een trommel tot verhoeding van onverhoopte toeval „len teffens melden hier mede dat aan negotie in witte en swarte Lij„ „waten mitsgaders eijser hier op Nater groot gebrek hebben. Voorts adverteeren nog dat ik een Maleijer ten geleijde van de Europeesen en de Boegineesen na Tapianolie gezon„ „den heb dewelke zig thans aldaar ter neder hebben gezet Laastelijk wat zeker onderdaan van mijn betreft, denwelken door den resident in een boete is geslagen en deszelfs goederen zijn geconfisqueert diend wegen ben ik voor als nog den heer Commandeur zijn prudent oordeel en besluijt afwagtende /:onderstond/ eijnde /:lager. / getranslateerd door /was getd:/ P: W: Gordon. verders Translaat E ƒ 115. Van Sumatras West Cust onder dato 10 Jpril 174 Van Sumatras West Cust onder dato 10 April 1760. O. dit Register Translaat Maleijdse Brief gesz: door zulthan Awal oedien aan den Comman„ „deur en Raad tot Padang. ontfangen Bataviaden 12 Iunij A:o 1760 Na gewoone Complimenten luijd den inhoud als volgt Wijders communiceerd zulthaan Awal oedien onder menigvuldigen groete aan den commandeur Fredrik van de wall en desselfs Raad tot Padang dat vermits mijn vrienden de Engelse Natie van Natar zijn gedelogeert en de Nederlandse Comp. zig thans op Natar bevind zo versoeke zeer vriendelijk zodanige schik „king als tot rust en wel zijn mag strekken aangezien uEd: dienaar niets anders betragt dan de bemin„ „nelijke vreede en genegentlijke vriend schap zijnde ten dien eijnde bij leven en gezondheid van intentie voor een enkelde dag of twee na „ 2 „ Factuur van 't versondene goud met opgem: Chialoup „ 3. „ weeg verklaring der gecommitt:s bij de smal inpakking van 't zelve N„o 1. Een missive aan zijn Excellentie en de verdere Hooge Regeering a Batavia Register den Papieren dewelke op heden p„r de chialoup de Roos Batavia waarts werden afgezonden geconsigneerd aan zijn Excellentie en de verdere Hooge Regeering Padang over te komen om bij den heer Commandeur een visite af te leggen. Hebbende hier nevens niets tot een teeken van leven tot doen versellen dan mijn vriendelijke groetenis onder toewensching van continueele gezond„ „heid /:onderstond:/ eijnde /:lager:/ oor de overzetting /:was get:d/ E: w. gordon Padang No„ 4 117 Van Sumatras West Cust onder dato 101 Jpril 174. /get:d/ I: / v. d Elias. N„o 4. Een positive Eijsch van diverse goe „deren voor den Jaare 176 5/1 be „nevens een catalogus der medicamenten „ 5. „ memorie der uijtstaande schulden onder den Inlander onder ult„o februarij benevens een notitie van 't geene voor reek: van de Heeren van Herzeele /:Z:/ en van Ha„ veren alhier voort loopt van restand koopmansz: „ 6. „ memorie zo als dezelve onder ult=o feb: zig alhier bevonden „ 7. „ Notitie van onbequame goederen dewelke in voorn: Chialoup zijn afgescheept /.onderstond/ B„l Chinco den 15 April 1760 Thans heb ik wederom de eer om p„r de chialoup de Rors uw Hoog Edelhedens aan te presenteeren, 't alhier zedert de laaste verzending, p„r de barcq de Buijs ingesamelde goud ten bedragen van marcq 5 7/16. of hl: 347 7/8. blijkens ne „vens gaande factuur en weeg verkla„ „ring voorts mij aan de deze versellende papieren op 't onderdanigst gerefereerd hebbende blijve na uw Excellentie en de verdere Hooge Regeering in schovaas protexie aanbevolen te hebben, met de meeste veneratie /onderstond:/ R:„ oe ede ontsrednij ke de epaoutegren /:Gager P„r v: d: Elias /in margine:/ P„lo Chinco op Sumat=s w:t Crest den 16 April A„o 1760 Batavia Aan als voren Van Sumatras West Cust onder dato 10 April A:o 1760 Batavia

NL-HaNA_1.04.02_2994_0069 view scan ↗

English

119 From Sumatra's West Coast, dated 10 April 1764. From Sumatra's West Coast, dated 10 April 1760 Batavia To the same as before After their Honorable Worships from Padang wrote on 28 March that the sloop De Roos would depart in a few days for the Indian capital and, calling in here, would take my gold along, although I have again about 60 marks remaining, there is nevertheless a lack of suitable gold molds, which, having recently been received from Padang, also had to be sent via the bark De Buijs to Batavia for repair, because no bar could be brought out of them whole anymore, no matter how much wax or oil one used, on which account this will follow with the next expected vessel with substantial increments, which I look forward to with great anticipation, as otherwise I shall be embarrassed, since the Songi Pagu people have already come down with 4 to 500 taels of gold, and I have no sufficient linen remaining, except only 0 packs of guinea common bleached, regarding which I must most humbly remark that the Bimlipatnam and Sadraspatnam types are indeed described as being 40 to 50 ells long, but not a single piece measures 49, much less 50 ells, and are moreover one-eighth less, and narrower than the ordinary width, being able to obtain with much difficulty 45 percent for them, as also having remaining 13 packs of guinea brown blue, of which for the third and valued sorts, being only 48 ells long, could likewise get no more than 45 percent; both the Sadraspatnam and especially the Porto Novo cloths have been very bad, and I request to be excused from those 48 ells long, or I can only make 40 to 45 percent. sufficient 3 packs 121 From Sumatra's West Coast, dated 10 April 1760. From Sumatra's West Coast, dated 10 April 1760. 3 packs of salempores brown blue, of which none, or at best the Porto Novo second sort and Sadraspatnam second and third sort, but the Nagapatnam ones they will no longer look at, nor their 4 guinea bleached guineas and percale brown blue, brown blue Jagannathpur sorts are, like the guinea common bleached, praiseworthy and very sought-after assortments. 6 moris brown blue are, at 40 percent, still too high in price for the mountain peoples and not fine enough, as the sample sent, compared to the English sale, is calculated at least 100 guilders per pack too high. packs of Canary succatoons brown blue, which were received as a trial instead of moris, but do not compare by two capitals in fineness, much less in width, so that the sample sent resembles moris much more than Canary succatoons, and the mountain peoples have become accustomed to that for so many years through the English that they cannot be brought away from it and to the received moris, even if I have left them 2 corges at 40 percent to introduce them; they say nonetheless that the others are a better buy on account of their fineness; if they cannot also obtain these and the red armozines from Bengal at such prices as from the English, they will not hold out, for moris, armozine, and opium make up the largest part of their trade, wherein we differ greatly, 2 123 From Sumatra's West Coast, dated 10 April 1760. From Sumatra's West Coast, dated 10 April 1760. differ, however, the collective mountain peoples, the Songi Pagu, Korinchi, and Pangkalan Jambi people, on account of many excesses, have nowadays condemned and strictly forbidden making any use of opium anywhere anymore, and requested me to abolish this here as well, so that upon the arrival of the said peoples they can be more at ease in trade and they can better attend to their affairs; in such regard this was granted to them, and then still 4 packs of red linen in sorts, being of little demand and yet needed for inquiries, sometimes they must have 1 corge or some small amount for their advance guards, and finally still 2 packs of cassa in sorts, burongs and handkerchiefs, all of which is not sufficient for the Songi Pagu people, and with the Bengal goods I must also most humbly relate how the hammams differ by at least 20 percent compared to the English sale; I was forced, in order not to let the peoples all depart, as some have departed because of that difference, to surrender these together with the coarse sanas at 30 percent, and in the future I shall refrain from demanding such sorts, however, finally so

Dutch transcription

119 Van Sumatras West= Cust onder dato 10 April 1764. Van Sumatras West Cust onder dato 10 April 1760 Batavia Aan als even Na haar E: agtb: van Padang aan schrijven den 28. Maart dat de Chialoup De Roos in eenigen dagen na de Jndiase hoofd plaats vertrekken, en hier aan= gierende mijn goud mede neemen zoude ofschoon omtrent 60 mq: wederom bij restant hebbe zo manqueerd 't egter aan bequaame goud rormen dewelke jongst van Padang ontfangen mede p„r de barcq De Buijs ter reparatie na Batavia zenden moeten, om dat geen staaf heel daar uijt meer te brengen was, gebruijkte men ook nog zo veel wax of olij, weshalven zulx met het naast verwagtende vaartuijg onder reel accrementen volgen zal, 't welk met veel verlangen te gemoed ziende anders beschaamt staan zal, na „dien de songijpagineesen reeds met 4 a 500 th: goud afgekomen zijn, geene genoegsame Lijwaat meer bij restand hebbe, als maar nog 0 pak guinees gem: gebl: waar bij onderda„ „nigst aanmerken moet, dat de Bimilie patnamse en sadraspatnamse wel van 40: a 50. elle lang beschreven zijn maar geen pees 49 veel minder 50 ellen houden, daar bij nog - 1/8. min, en meer smallen zijn als de ordinaire breede, met veel moijte 45 p:r C„o daar voor konnen obtineeren, als ook nog 13 pak guinees br: bl: bij restant heb„ „bende waar van voor de 3:e en gewaardeerde. zoorten maar 48. ellen lang zijnde, me„ „de niet meer als 45 p„r C=o konnen krijgen, zijn zo wel de Sadraspatnamse als bij zonders de Portononse doeken heel slegt geweest, en van 48. ellen langse verzoeke te mogen g'excisseert blij„ „ven, of kan maar 40 a 45 pr C=ts maken. genoegsame 3 pakke 121 Van Sumat:s West Cust onder dato 10 April 1760. Van Sumatras West Cust onder dato 10 April 1760. 3 pakken Salempoeris br: bl: daar van geen, nog ter nood de Portonorose 2:e zoort en Sadraspatnamse 2:e en 3:e zoort maar Nagapat: „namse willen zij niet meer aansien zo min als haere 4 gu: gebb: guinees en percallen brbl: —„ „ br: bl: Saggernaijkpourse zoorten zijn zo wel als de guinees gem: gebl. prijswaardige en zeer gewilde zoortemen„ „tenten 6. „ moeris br: bl: zijn den berg volkeren met 40 p„r C„to nog te hoog in prijs en niet sf genoeg als 't gezondene monster na den Engelschen verkoop ieder pak wel 100 f te hoog aangerekend. „ pak Canarij Succortons br: bl: die der proef in stede van moeris ontfangen maar op geene 2 Capitaal in fijnte, veel minder in de breede bij„ komen, zo dat het gezondene monster veel meer na moeris als Canarij succor„ „tons gelijkt en hebben de berg volkeren zig al zo lange Iaren door de Engel „schen daar aan gewend dat zij niet van af en aan de ontfangene moeris te brengen zijn, of haar al 2 Corg:s tot 40 p=rC=tso gelaten om zulke ingang te brengen zeggen zij dog de anderen zijn wegens fijnte beter koops, als zij zulke en de rooden armozijnen Ben „gaals niet ook tot zulken prijse kunnen krijgen als bij de Engelsen geen stand houden zullen, want moeris, armozijn en am „phioen maakt het grootste gedeelte van haare negotie uijt, waar in wij veel komen verschillen 2 _. o 123 Van Sumat=s West Cust onder dato 10: April 1760. Sumatras West Cust onder dato 10 April 1760. Van verschillen egter hebben de gesamentlyke berg volkeren songij pagoneezen Corentjes en Pankerjamboesen, wegens veele excessen tegenswoordig afgekeurd en ernstelijk verbooden over al geen ge „bruijk van amphioen meer te maken en mijn verzogt zulx hier ook af te stellen, om bij afkomst der gem: volkeren in den handel meerder gerust konnen zijn en zij haare affaires beter konnen waarneemen in zulke opzigte haar zulx g'accordeert, en dan nog 4 pakken Roode Lijwaat in zoorten, zijnde van weijnig aftrek en dog voor het vragen nodig. somtijds 1 Corg:s of zo wat weijnig voor haare voorweg „ters hebben moeten en eijndelijk nog 2 pakken Cassa inzoorten, boerongs en hend:s dat alle maal niet toe langlijk is voor de Songij pagoneesen, en bij de bengaalse goederen ook nog onderdanigstre „lateeren moet, hoe de hamans tegens de Engelschen haren ver „koop wel 20 p„r C„s verschil „len, genoodzaakt was om de volkeren niet allemaal laten ver„ „trekken gelijk eenige wegens dier differentie vertrokken zijn, zulke benevens de zaanen grove met 30 p„r C to moc „ten afstaan en in 't aanstaande voorder: „gelijken zoorten te eijs„ „schen mijn wagten zal, egter eijndelijk zo

NL-HaNA_1.04.02_2994_0072 view scan ↗

English

125 From Sumatra's West Coast, dated 10 April 1760. From Sumatra's West Coast, dated 20 April 1760. If the expected vessel arrives in due time, I hope that this financial year will still see a blessed and prosperous trade here; considering the enclosed yield to be only half, while presently the English and French troubles will also contribute much, just as I have reliable news from Bencoolen that said place has surrendered to the French after a day's cannonade. The English, numbering 670 men, abandoned the fort and positioned themselves in the open field, but surrendered the following day as prisoners of war, having previously set fire to a fine English ship lying in the roads themselves, so that not a single man fell on either side. At present they are advancing by water and by land toward Moco-Moco; the English there have already fled to the mountains with their goods, wives, and children. Wherewith, with the highest respect, The bark De Mossel from Bengal having arrived here due to continuous southerly winds and strong counter-currents to provide itself with water and firewood, we have deemed it our duty to respectfully inform Your Excellencies on this occasion that the second signatory arrived safely here on the 24th of the past month of May aboard the ship De Waakzaamheid, and that we have duly received therewith Your Excellencies' honored successive letters of 31 December of last year, 10 Batavia To as before I remain, Right Honorable, Highly Esteemed Gentlemen and Honorable Gentlemen, lower, Your Excellencies' most humble servant, was signed, C. E. v. Seyfferth, in the margin, Adjerhadja, 19 April 1760, underneath stood, I remain. 25 From Sumatra's West Coast, 8 June 1760. Batavia From Sumatra's West Coast, 23 August 1760. Excellencies' letters. and 25 April of this year, together with the annexes, to which the first signatory hopes to have the honor of personally presenting Your Excellencies with the due reply shortly. Meanwhile, we shall make all possible haste to unload the goods brought by De Waakzaamheid and allow her to depart again in due time, wishing the bearer hereof a prosperous voyage, and we remain with the utmost respect: Underneath stood: Right Honorable, Highly Esteemed, Far-Commanding Gentlemen and Honorable Gentlemen, lower, Your Excellencies' humble and obedient servants, was signed, F. van de Wall, C. L. Leniff, H. van Staveren, J. A. Thierens, R. Palm, I. Boudewijntz. In the margin: Padang on Sumatra's West Coast, 8 June Anno 1760. By the ship De Waakzaamheid Having had the honor in our last dispatched letter of 8 June of this year by the bark De Mossel to communicate to Your Excellencies the arrival of the first signatory on 24 May last, and having on that occasion also promised that our humble reply to Your Excellencies' honored successive letters of 31 December of last year, 10 and 25 April of this year, and the annexes received according to the register, would follow in due time after the unloading of the vessel named in the margin, we therefore now come to fulfill this with the required respect, and alongside it also report what has transpired on this Coast since our last reports by letters of 22 January, 10 and 18 April last. To as before With 127 From Sumatra's West Coast, 20 August 1760. From Sumatra's West Coast, 25 August 1760. Regarding the Sungai Pagu people. Regent of Olilieuan. To make a beginning regarding native affairs; we have the honor to express our thanks to Your Excellencies for sending back the wife of the Salida penghulu Raja Alam and the Kambang penghulu Dato Moudo. The former, who arrived without written notice aboard De Waakzaamheid, the first signatory handed over to the Salida Regents at Pulau Cingkuk, which will likewise be done according to orders with Dato Moudo, who arrived here on the sloop De Roos. Meanwhile, the demise of Bendahara Itam will be communicated to the Sungai Pagu people. Both of these we hope will bring peace among those discontented people, who have once again caused us no little trouble and labor when they recently gathered with a band of assembled countrymen in the village of Kambang with the intention of, as it were, ousting our legitimate petty king Sutan Gimbe from his authority and forcefully seeking to install the notorious Sipakat as chief there. However, he immediately fled back to the mountains of Sungai Pagu as soon as he heard that a detachment of twelve Buginese was advancing upon him, pursuant to the resolution of the 7th of this month, whereby everything in that village is now again in peace and quiet, and as we have reason to presume, that village will not be further disturbed, as those capricious Sungai Pagu people now finally seem willing to calm down, as appears from our copies of resolutions of 10 June, 22 ultimo, and 11 of this month, accompanying this under No. 5 according to the register, in which everything is treated at length, to which we most respectfully refer. In the village of Sulaccan, we have been compelled to discharge the old, decrepit head regent Raja Oering at his urgent request, preserving his customary hormat or honor, and in his stead we have, upon our favorable 129

Dutch transcription

125 Van Sumat„s West Cust onder dato 10. April 1760. Van Sumat=s West Cust onder dato 20 April 1760. Zo het verwagtende vaartuijg te regter tijd komt hoope dat dit boekjaar eene gezegende en florisante negotie hier nog wezen zal; rekende hier nevens gaand rendement maar voor de helfte terwijl tegenswoordig de Engelsche in fransche troubles mede veel bij dra „gen zullen gelijk secuure tijding van Bancahaloe hebbe dat zulke plaats na een daagse canonade aan de franschen is overgegaan d, Engel schen hebben met 670 man het fort verlaten en zig in vrije veld gestild maar 's anderen daags tot krijgs gevangene zig overgegeven bevorens een mooij Engels schip op de reede leggende zelfs in brand gestoken zo dat geen een man op beijden deer„ „len gesneuveld tegenswoordig in aan togt zijn te water en te land na Mlocca mocca, de Engelschen zijn reeds aldaar met haare goederen vrouw en kinderen na 't gebergde gevlugt waar mede in uijttersten respect De barcq de mossel van Bengaale door continueele zuijde winden en sterke tegenstroomen alhier aangeko„ „men zijnde, om zig van water en brandhout te voorsien, hebben wij het van onse pligt g'agt uw Hoog Edelens bij deze occagie ter eerbiedige kennis„ „se te brengen, dat den tweede tekenaar alhier op den 24. e der evengepasseerde maand Meij met het schip de waak saamheid behouden g'arriveerd is, en wij daar mede wel ontfangen hebben uw Hoog Edelens g' eerde successive brie„ „ven van 31: December des verleden, 1oen Batavia Aan als voren verblijve /: Hoog Edele Groot Achtb: Heere en wel Edele Heeren /lager:/ uw Hoog Ed:s on „derdanigste dienaar /:was get:d/ C: E: v: Seijfferth /:in margine:/ Adjerhadja den 19 April 1760 /:onderstond:/ verblyve 25 Van Sumat„s West Cust den 0 Iunij 1760. Batavia Van Sumatras West Cust den 23 auij 1750 Edelens brieven. 25. April dezes Iaars nevens de bijlagen waar op den eersten tekenaar de eere hoopt te hebben, uw Hoog Edelens binnen korten in perzoon het ver„ „schuldig antwoord aan te bieden. Intusschen zullen wij alle mogelijke spoed maken om de waaksaamheid van de aangebragte goederen te ont „lossen en op zijn tijd weder te laten vertrekken, terwijl wij brenger dezes eene voorspoedige rijse toewenschen en met de uijterste eerbied blijven: /:onderstond:/ Hoog Edelen Groot Achtb: wijd gebiedende Heere en wel Edele Heeren /:lager/ uw Hoog Edelens onderdanigen en gehoorsame Dienaren /:was getekend/ F: van de wall, C: L: Leniff, H: van Staveren J: A: Thierens, R Palm, I: Boudewijntz /:in margine:/ Padang op Sumatras west Cust den 8 Iunij A„o 1760. Pr 't Schip de E waarsaamheid Bij onse laaste afgegane letteren van den 8 Junij dezes Jaars p„r de barcq rescriptie op uw Hoog de Mossel de eer gehad hebbende uw Hoog Edelhs te communiceeren de aankomst van den eerstgetekende op den 24 Meij Jongstl: en bij die gelegentheid ook teffens beloofd hadde, dat onse nedrige rscriptie op uw Hoog Ed:s g'eerde successive brieven van 31 December des verleeden 10en 25. april dezes Jaars en de volgens register over gekomene bijlagen op zijn tijd na ont „lossing van de in margine genoemde bodem volgen zouden, weshalven wij thans daaraan met de vereijschte eer „bied komen te voldoen en daar nevens ook het gepasseerde ter dezer Custe zedert onse laaste berigten bij brieven van 22 Janu: 10 en 18 april Iongstleden bekend stellen Aan als voren met 127 Van Sumatras West Cust den 20 aug:s 1760 Van Sumatras West Cust den 25 aug:s 1760 ganwaaedeer de songijpagou„ „neesen. regent van olilieuan aan met een begin te maken wegens de Inlandse zaaken; hebben wij de eer ommigeast gesendele w Hhoog Edelens dank te betuijgen, voor het te rug zenden van de vrouw van den Silleda„ „sen ponghul Radja Alam en den Cam„ „bangsen ponghul Dato moudo, de eerste die zonder schrijvens met de waarsaam „heijd is overgekomen, heeft den eerst getee „kende ten Eijlande chines aan de zilli„ „dase Regenten afgegeven, 't welk mede na de ordre zal geschieden, met dato moudo die met den chialoup de Roos alhier gear„ „riveert is: Terwijl de songijpagoneesen het overlijden van Bandhara Itam zal gecommuniceert worden. Het een en ander hopen wij, dat rust zal baaren onder die missnoegde volkeren, die ons al wederom niet weijnig moeijte en arbeijd gegeven hebben, wanneerse hun on „langs met een parthij bij elkander ge „rotte landsgenoten in de negorie Cambang waren komente bege ren met intentie, om als 't waare oms wettig koningje southuen Gimbe uijf zijn gezag te verstooten en met geweld den gerenomeerden sipakat als hoofd, daar zoeken in te dringen, dog die immediaat weder na het gebergte van songijpagou vluegte, zo dra hij hoorde dat er een Commando van twaalf bougineesen op hem afquam, na resolutie an en e dit gekea van 7 dezer, waar door dan alles zig in die negorie weder in rust en vreede bevind, en zo als wij reeden hebben van te mogen pre „sumeeren, zal die negorie niet verder ont„ „rust werden, wijl die capricieuse songijpa „gouneese volkeren nu eijndelijk schijnen te willen bedaaren, blijkens onze Copia reso„ „lutien van den 10 Iunij, 22 passato en 11 dezer volgens register onder N„o 5. dezen verseld, waar in alles in 't breede verhandelt zijnde, ons daar aan op 't eerbiedigste referdere: In „de negorie Sulaccan, zijn wij genootzaakt ge dede Boejang stskop weest den ouden afgeleefden hoofd regentgeteed Radja Oering op zijne instantie te ont„ Hlaan, behoudens zijne gewoone hormat of honneur, en in dies stede hebben wij op ons gunstige 129 „

NL-HaNA_1.04.02_2994_0075 view scan ↗

English

From Sumatra's West Coast, the 2nd of August 1730 From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760 Gift The Achinese settle themselves in the northern districts. is therefore requested that with the favorable approval of Your Right Honorables, the most rightful person thereto, Radja Boedjang, has been reinstated. While the Panglima and Regents of Padang come to express their gratitude to Your Right Honorables for the gift sent to them, which was handed over to them by us together with the letter in due time with the customary ceremony, and who thereupon would gladly wish to present their customary gift of 30 thails of mountain gold to Your Right Honorables, their outstanding debts of ƒ6099:5:- on the account of general justice do not permit this, because we intend to settle that account as soon as possible. Regarding the northern districts of Baros and the settlements belonging thereto, Tappianoelij and Cinkoll, where the Achinese are presently indeed busy establishing themselves firmly, having already for some time demanded import and export duties on all goods up to Chineel, without caring about our allies the regents there, to whom they cause all sorts of violence and nuisance. Wherefore the first-signed intended to provide for this by writing a letter to the King of Atchien, which was dispatched on the 1st of July, accompanied by a note to Baros, which was registered in our resolution of the 7th, in order to avoid prolixity, referring ourselves thereto, principally conveying various points of complaint regarding the improper conduct of his people with the request to forbid such actions and to give us a satisfactory answer for some redress, which we hope will have good success, and about which, after receiving an answer, we shall have the honor to further inform Your Right Honorables of what is necessary. With regard to the settlement of Mossehel, [illegible] ordered to build a new dwelling for lodging 133 From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760 From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760 remains subordinate to Padang Mombruijn has falsely accused Challier the report concerning the fire at Priamang To vacate the English fortlet directly and to transfer it to the head regent Bagindo Maharadja Lello, in the same manner as the French surrendered it to the regents, without further meddling with whatever in any way bears the name of being English or French goods; the regents having been summoned hither to enter into a mutual agreement and contract with the Company, after which we only then intend to send the resident some merchandise to make the expenses of that small post bearable. And although we have already complied with Your Right Honorables' esteemed intention to place that new small establishment subordinate under Baros, we nevertheless find ourselves compelled most respectfully to submit to Your Right Honorables whether it would not be better to place that small post directly under this head office in order to prevent the back-and-forth duplicate writing and charging of such goods as might in time be requisitioned by the said person of Mossihel; having nothing further to report regarding this chapter, we shall proceed to Domestic affairs, that a close inquiry has been made by the fiscal as to how the fire at Priamang might have been caused, who thereupon in our meeting of the 22nd of July served such a report as we herewith have the honor to accompany in the original under No. 8 for the inspection and further disposition of Your Right Honorables, in the hope that this matter will hereby be settled, and that we may by the next opportunity be authorized to write off to profit and loss the cost of what was lost in that fire amounting to ƒ7178:11:—. Just as this, according to the register under No. 7, is further accompanied by an original report concerning the case of Sergeant Mombruijn and Junior Merchant Challier, that the latter is said to have forced the former to give a declaration regarding the salt delivered short at Baros amounting to two lasts and thirty-six measures, discharged from the bearer hereof in the year 1756, concerning which no other evidence could be obtained than a single attestation from the discharged second mate Jacob

Dutch transcription

Van Sumatras West Cust den 2: aug:s 1730 Van Sumatras West Cust den 25 aug„s 1760 ten omr peseinterkenen Schenkagie dantedene man ens den de atchindert restelen ig vt in de nonder distriten. is dieswegens verzogt zulx te gunstige approbatie van uw Hoog Edelens wederom aangesteld den geregtigste daar toe Radja Boedjang Terwijl den Panglima en Regenten van Padang uw Hoog Edelens dank komen te betuijgen voor de aan haar toegesonde „ne schenkagie die door ons nevens den brief op zijn tijd met de gewoone Ceremonie aan haar ter handgesteld zijn en dewelke daar op wel gaarne haare gewoone schenc„ kagie van Thailen 30 berg goud aan uw Hoog Edelens zoude willen presenteeren, maar hun„ „ne agterstallige schulden van ƒ6099:5:- op reekening van algemeene geregtigheid laat zulx niet toe, om dat wij van meening zijn die reekening zo spoedig mogelijk te verevenen wat aanbelangt de noorder districten van Baros en de daar onder gehoorende. negorijen Tappianoelij en Cinkoll, al„ waar de aschinders thans werkelyk bezig zijn zig vast te nestelen, hebbende reets eenigen tijd tot Chineel inkomende en uijtgaande regten van alle goederen ge„ „vordert, zonder zig aan onse bondgenoten de regenten aldaar te bekreunen, dien zij allerleij geweld en overlast aandoen. Alwaaromme den eerst geteekende hierin en zoningean atchin„ heeft willen voorsien, met een brieff aan verlieden den koning van atchien te schrijven, die op den 1 Julij afgegaan is, onder geleijde van een briefje na Baros, die bij onse resolutie van den 7 geinkreert is, ter vermijding van prolixiteit, ons daaraan gedragende bewelsende principaal diverse poiniten van klagten over de onhebbelijke gedoentens van zijn volk met versoek zulx te verbieden en ons tot eenige satisfactie een voldoenend antwoord te geven, het geen wij hopen van een goed succes zal werden, en waar van wij na bekomen antwoord, de eer zullen hebben, uw Hoog Edelens 't nodige nader te communiceeren. Ten reguarde van de negorie Mossehel ven He enden Nesta bedankt. / geordonneert, om een nieuw wooning tot logiement aan te timmeren „vordert 133 Van Sumatras West Cust den25 augj 1760 Van Sumatras west Cust den 25 aug:s 160 padang gehibordineert blijft afbrek Mombruijn heeft challier valsch beschuldigt het berigt nopens den brand op priamang 'T Engels fortje direct te verlaten en daar van transport te doen aan den hoofd regent Bagindo Maharadja Lello, inzelverwegen als de fransen het aan de regenten hebben overgegeven, zonder zig verder te bemoeijen wat maar eenigzints de naam heeft Engel „se of fransche goederen te zijn; de regenten herw:s ontboden om met de Comp: een onder „ling verdrag en Contract aan te gaan, na 't welke wij dan eerst voorneemens zijn den resi „dent wat koopmanschappen te zenden om de lasten van dat postje dragelijk te maken. Mattersonde gantgeked En of schoon wij aan uw Hoog Ed„s g'eerde inten„ „tie reets voldaan hebben, dat nieuw Eta „blissementje onder Baros gesubordineert te stellen, zo vinden wij egter ons genoodsaakt dogt is beter dat 't direct maer u w Hoog Edelens op '2. eerbiedigste na te dragen, of 't niet beter ware, dat Postje direct onder dit hoofd Comptoir te stellen om voor te komen het over en weder diebbeld schrijven en aanree „kene van zodanige goederen, als door gemelde van Mossihel in der tijd g'eijscht zoude kunnen werden; Omtrent dit chapiter niets verder te melden hebbende zullen wij overgaan tot de Huijselijke zaaken dat door den fiscaal nauw onderzoek gedaan is hoedanig den brand gaat over op Priamang veroorsaakt zoude mogen weesen, die daar op in onse vergadering van den 22. ' Julij van zodanig berigt gediend heeft als wij hier nevens de eer hebben tot specula „tie en nadere dispositie van uw Hoog Edelens onder N„o 8: in originale verseld, laten gaan, in hope dat deze zaak hier mede afgedaan zal wesen, en wij p„r naasten gequalificeert mogen werden het kostende van het geene dat mesese van het verleene bij dien brand tot ƒ7178:11:— verloren is, op winst en verlies te mogen afboeken. Gelijk dezen na register onder N„o 7: nog verseld „t van Een origineel berigt Conferneerende de zaven s„ van den zergeant Mombruijn en onderB. Challies dat den laasten den eersten zoude ge „dwongen hebben om een verklaring te geven van 't op Baros te min uitgeleverde zout tot twee last en sesen dertig maten, gelost uijt brenger dezes in ao 1756, waaromtrent geene andere indicien ingewonnen heb „ben kunnen werden als een enkelde at „testatie van den gegagieerd onderstuurman„ wij Jacob

NL-HaNA_1.04.02_2994_0077 view scan ↗

English

135 From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760. From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760. the caffres kept in service 1 to 13 ¾ rd:s a month. to have purchased on p:lo Chinco. stored in the large Cash chest Jacob Jacobsz: and Corporal Hermanus van Heijsen, who were indeed present at Baros at that time, but being unaware of the case in question, have consequently been unable to give any other testimony than solely that the said Mombruijn has always been a bad subject, and went about drunk and intoxicated daily, so that the aforementioned attestations and the noted record of the just mentioned session of the 22nd past clearly indicate, from which it is very easy to deduce, that this was much rather a malicious invention than a genuine accusation by the said Mombruijn, in order, as it were, to plunge the said Challier into misfortune, and this is very likely when one considers that the same was sent from here to Costij in the past year as a useless subject, in the hope that this matter will be settled therewith, as no further investigation can be conducted hereafter. Upon the resolution of the 7th of July, having been very urgently requested by the Fiscal Thoerens to be allowed to retain the five caffres in service, as he could not possibly manage with fewer, because two of them are absolutely necessary to guard the Company's chains, and then only three remain for the daily patrols, on which account, having considered that urgent request reasonable, to represent it to Your Right Honourables' best advantage, and in the meantime to retain all five Caffres for 3¾ rd:s a month, in the hope of Your most esteemed approval. Conformable to Your Right Honourables' esteemed orders, the gold and cash we have had the gold and cash transferred by the administrators and the petty cashier into the large cash chest, in order to be kept there henceforth in the custody of the first signatory and the first administrator. Concerning the administration at Poulou Chinco, we were obliged to authorize a new cargo prahu Chief Elias to have a new cargo prahu purchased as economically as possible in place of the old discarded one, according to the sworn statement: — as also From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760. From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760. there for 3 rd:s a month for the old remaining debts have been settled there shall take possession of the lands of Mocca Mocca etc. if he can obtain them long 1¼ @ wide had cloths with 25 per cent Also, upon his emphatic request, we have engaged a native blacksmith at three rd:s a month into service, in order to manufacture the locks, hinges, and other ironwork for doors and windows on that island, in the hope that this will meet with Your Right Honourables' approval. The old remainders of the outstanding debts amounting to eighty thails and a half maas in gold, with rd:s 145:37. — in cash, we have had settled by the first administrator Van Staveren, who, as former chief, together with the late Commander Van Herzeele, has had the accountability thereof up to now. Regarding the journey of Indrapoura, having nothing substantive to report, except that the Emperor of Indrapoura has proposed to us that he intended to take possession of the lands of Mocca Mocca and what depends thereon, if we were willing to grant him permission thereto, and if the French nation still residing there should come to relinquish and cede the same to him, whereupon we served him in answer and wrote to Resident Seijfferth that we not only would gladly suffer such, if His Majesty could obtain those lands, but also instructed the Resident to encourage him thereto. Just as we have wished to leave to Your Right Honourables' esteemed disposition the damaged linens sold by him at an advance of 25 per cent, as appears from the copy declaration accompanying this under No. 13. Concerning the article of the [illegible] report of the administrators, we were obliged to reduce the purchase price of the aforementioned bleached Coast Guinees, consisting of 65 3/40 bales or 2631 pieces at 5¼ Thails of gold of 21½ carats per corgie, in order to save such a considerable quantity of cloth from spoilage and damage caused by remaining unsold, as these cloths, instead of their ordinary length and breadth, were found to measure no more than 46 @ in length and 1¼ @ in breadth, according to the copy declaration of two commissioners, which accompanies this under No. 25 for Your Right Honourables' esteemed perusal. answer accompanied 137

Dutch transcription

135 Van Sumatras west Cust den 25 aug„s 1760 Van Sumatras West Cust den 25 aug:s 1760. des boffersweren aangehonden 1o 13 ¾ d: smaands. op p:lo Chinco te laten in kopes. „ds in de groote Cas bewaard Iacob Jacobsz: en Corporaal Hermanus van Heijsen, die wel op Baros te dier tijd present zijn geweest, maar van 't geval in cas sub jeit hun niets bewust zijnde diendwegens geene andere getuijgenis hebben kunnen ge „ven, als alleenelijk dat gedagte mombuuijn altoos een slegt subject is geweest, en dagelijks dronken en vol gelopen heeft, invoegen zulx de voorm: attestatien en het aangeteekende ter evengem: cessie van den 22 passato duijdelijk aanwijst, waar uit dan zeer gemakkelijk is op te maken, dat zulx veel eer een quaadaardige versinsel, als een opregte beschuldiging van gedagte Mombruijn is geweest, om als 't waare gem: Challier in een ongeluk te helpen, en dit is zeer waarschijnelijk als men eens consi „dereert, dat denzelve in a:o pass„o als een onnut subject van hier na Costij versinden is, in hope dat deze zaak daar mede afgedaan zal wesen, als kunnende hier na geen ander onderzoek gedaan werden. Bij resolutie van den 7 Iulij door den fiscaal Thoerens zeer instantig verzogt zijnde, om de vijf caffers in dienst te mogen aanhouden alzo hij het onmogelijk met minder konde stellen, want twee daar van zijn er absolut nodig om 's Comp:s boeijen te bewaren, en dan blijven er nog maar drie over tot de dagelijkse pattrouilles weshalven wij die instantie bil„ „lijk geconsidereert hebbende, uw Hoog Ed=s ten beste var te dragen, en intusschen alle de vijf Caffers voor 3¾ rd:s 's maands aan te houden, in hoope van derzelver hoogst g'eer„ „de approbatie Conform uw Hoog Edelens g'eerde ordres het gouden Contante wer„ hebben wij het goud en Contanten door de administrateurs en klijn cassier in de groote geld Cassa laten overbrengen omme voor „taan aldaar bewaard te werden onder be „rusting van den eerstgeteekende en den eerste administrateur Concerneerende, de huijshouding tot Poulou Chineo zijn wij genoodzaakt een nieuwe lastprouw geweest het opperhoofd Elias te moeten qua „lificeeren omme ten aller menagieuste een nieuwe last prauw te laten inkoopen in stede van de oude afgelegde volgens b'eedigde verklaring: — alzo ook Van Sumatras West Cust den 25 aug: 1760 Van Sumatras West Cust den 25 aug„s 1760 voor 3 rd:s 's maands aldaar voor de oude restant schulds zijn daar vereffent zal de landen van mocca moo„ „ca enz: in bezit neemen als hij z rijge kan langen 1¼ @ brede hadde waten met 25 p„r Co ver Ook hebben wij op zijne nadrukkelike in„ „stantie een Inlands smit mt drie rd. s sm=ts in dienst aangenomen, omme, de slooten hengsels en ander ijser werk tot deuren en vensters op dat Eijland aan te maken, in hope dat dit een en ander uw Hoog Ed.:s approbatie weg dragen zal. De oude restanten der uijtstaande schulden tot tagentig thailen en een half maas goud met rd„s 145:37. — in Contanten, hebben wij laten verevenen door den eersten administrateur van staveren die daar van als geweesen opper „hoofd met den Commandeur van Herzeele /z:/ tot hier toe de verantwoording gehad heeft. Nopens de reijse van Indrapoura f: d. Jen hadja niets zakelijks te berigten hebbende, dan dat den Keijser van Indrapoura ons vorgeslagen heeft, dat hij van intentie was de landen van moica, Mocca en wat daar aan dependeert in possessite neemen als wij hem daar toe consent wilden geven en de aldaar zig nog ophoudende fransche natie, hem dezelve mogte komen af te staan en te cedeeren, waar op wij in antwoord gediend en den resident Seijfferth aan geschreven hebben, dat wij zulx niet alleen gaarne mogte lijden, als zijn majesteijt die landen kon „de krijgen, maar ook den resident gelast hem daar toe te animeeren Gelijk wij aan uw Hoog Ed=s g'eerde dispositie sujffente het eenige hebben willen overlaten, de door hem met 25 vrog p„r C:o advans verkogte beschadigde Lijwaten bly „deeses „kens de onder N„o 13 „ versellende Copia verklaring Betreffende het articul van den ter assie van den nade aangeen drnat goust ragte D berigt der administrateurs genoodzaakt ge „weest, de guinees gem: gebl. Cust, bestaande in 65 3/40 pakken of 2631 fs van Thailen 5¼ goud van 21½ Carr:t 't Corgie, in uijt koops prijs te vermin„ „deren, om zo een aanzienelijke quantiteit doeken door 't onverkogt blijven leggen voor be„ „derf en schadens te bevrijden, alzo die doeken in steede van hunne ord:e lengte en breede meden dat ar niet meer als 46 @ langte en 1¼ @ brate wa„ „ren komen in te houten, volgens copia verkla„ „ring van twee gecommitt. s, die tot uw Hoog Ed. s g'eerde speculatie onder N„o 25 hier nevens antwoord verseld 137

NL-HaNA_1.04.02_2994_0079 view scan ↗

English

From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760 From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760 is accompanied by a piece of white guinees as a sample, in the hope that it will merit Your High Noble Lordships' esteemed approval. Pursuant to Your High Noble Lordships' esteemed order, we had the Chinese headman and the administrators inquire whether the merchants might be inclined to pay 2 pagodas and 12 fanams more per corgie of white guinees than previously, if the same were manufactured at their request with red headings; upon which the administrators, according to the Resolution of the 11th of this month, reported that the merchants are by no means inclined to pay more for them than for those without red headings, as they prefer to remain at the old price, because it is indifferent to them whether there are headings on them or not, as long as they contain the required length and width, are not loose, and are of a moderately tight weave. In accordance with our resolutory disposition of the 11th of this month, we shall, subject to the favorable approval of Your High Noble Lordships, cause to be sold by auction at the prevailing rate 100 pieces of ordinary bleached guinees, which according to successive sworn certificates were found damaged in well-conditioned packages, and write off the resulting loss in yield. In the same manner, we shall have to deal with 286 pieces of ordinary bleached percallen, but place the resulting loss in yield compared to the purchase price into a separate account, subject to the further disposition of Your High Noble Lordships, and propose in favor of the administrators that these goods were genuinely damaged by the dampness of the warehouse. However, with regard to the requisitions, we now have the honor to elucidate to Your High Noble Lordships and most respectfully propose that if one may demand no other linens than only those that yield the stipulated percentages, we must then limit ourselves solely to ordinary bleached guinees, provided that it is of good assortment; which is why we also, in our presently departing requisition, come to demand such linens, which we humbly request may yet be supplied this year, as is clearly noted for each assortment in particular, namely: Merchandise Ordinary bleached guinees, Coast: 250 packages, say two hundred and fifty packages, with and without red headings, just as they are presently manufactured, provided that the linen is tightly woven and of the required length and width. Ditto: 50 packages, fifty packages as ditto, ditto. Red salempoeris ditto: 6 packages, six packages of tight weave. Parcallen: 6 packages, six—this cloth not loose. Ordinary bleached Bengal guinees: 25 packages, twenty-five packages, in case the Coromandel guinees might sometimes not be fulfilled, otherwise to excuse these on account of the high purchase price. Iron, light, long, thin, flat: 30,000 lb, say thirty thousand pounds. Java salt: 50 lasts, fifty lasts. Various Necessities Fine bleached Coast guinees: 2 packages, say two packages. Fine Photaes of 2 colors, Coast: 2 packages, two packages. Ditto coarse Bengal: 1 package, one package for the slaves. Armozeen, plain, double chests: 1 chest, one chest of various colors. Cloves: 1 chest, of this one has not a pound in stock. Nutmegs: 1 chest. Mace: 1 sokkel, one sokkel. Cinnamon: 1 bale, one bale. White wax candles: 500 lb, five hundred pounds. Rose water: 2 cases, two cases. Candy sugar: 5 canasters, five canasters. Powder sugar: 6 canasters, six canasters. Surat soap: 5 cases, five cases. Black hats: 110 pieces, one hundred and ten pieces, thereof 10 pieces fine, 100 ordinary. Bengal shirts: 200 pieces, two hundred pieces. Coromandel stockings for the garrison: 100 pieces, one hundred pieces. Coats and trousers, blue with red: 100 pieces, one hundred uniform suits. Russia leather hides: 8 hides, eight hides. Please turn over. Please turn over. evenly.

Dutch transcription

Van Sumatras West Cust den 25 ug„s 1760 Van Sumatras West Cust den 25 aug„s 1760 „dert werds als guinees witte verseld gaaft, met een p„s guinees, tot een monster, in hope dat zulx hoogst derzelver geeerde appro „batie meriteeren zal vn :mt Dp uw Hoog Edelens g'eerde ordre hebben wij door het chineos opperhoofd en de administrateurs laten opgeven of de kooplieden ook gene, en mog„ „ten zijn om voor 't Corgie witte guinees pago den 2: 12: meer te betalen, als voor dezen, wanneer dezelve op haar requisit met rood hoofden aange„ „maakt wierden, en waar op de administrateurs volgens Resolutie van 11 dezer van berigt zijn komen te dienen, dat de kooplieden in geenen deele genegen zijn, daar voor meer te betalen als wos die zonder rerde hoofden, alzo zijt biefst bij de oude prijs willen blijven, om dat het haar onverschillig is of daar hoofden aan zijn dan niet alse ze maar van de vereijschte lengte en breedte inhouden; hiet ijl en van een mid„ „delmatig digt geweef zijn Conform onse resilutoire dispositie van den 11:e dezer zullen wij op gunstige approbatie van uw Hoog Ed:s p„r vendutie voor 't geldende laten verkoopen 100 ps guinees gem: gebl: die volgens successive b'eedigde attestatien in wel geconditioneerde pakken, beschadigt bevon„ „den zijn, en 't daar op vallende minder ren„ „dement, af te laten boeken DJnkelvervoegen zullen wij met 286 p:sen rond de 0 pral parcallen gemeen gebleekt moeten hande„ „len, dog het hier op vallende minder ren„ „dement dan uijtkoops, op een apparte ree „kening laten stellen, ter nadere dispositie van uw Hoog Ed„s en hoogst derzelver, in fa „reur van de administrateurs, vor te dragen, dat die goederen wesentlijk door de vogtig „heid van 't pakhuijs bedorven geraakt zijn Dog ten aansien van de eijsschen heb, reen waarom bijde eilch „ben wij thans de eer uw Hoog Ed„s te elucien „deeren en op 't eerbiedigste vor te dragen dat als men geene andere lijwaten mag eijsschen dan alleen dezulke welke de gestatueerde p„r C„ts komen af te werpen wij ons dan alleen bepalen moeten, aan het guinees gem: gebl mits het zelve in zijn sorteering goed is, waarom wij dan oik bij onse thans afgaande eijsch zodanig detgaantg eneikh vo lijwaten komen te vorderen, die wij nedrig wel oversoeken 139 141 Van Sumatras West Cust den 25 aug„s 1760. Van Sumatras West ust den 25 aug:s 1768 versoeken dat nog van dit jaar mag voldaan werden als bij ijder sorteering in 't bijzonder duijdelijk genoteert staat te weeten. Koopmanschappen Guinees gem: gebl: Cust p:s 250/ zege twe hondert vyjftig pakken met en zonder roode hoofden zo als ze thans aangemaakt werden, mits dat het lijwaat maar digt van gewees en van de ver eijschte lengte en breedte is rund at„a „ 50„ vijftig pakken als d„o d. o. Salempoeris roode d„o „ 6„ ses pakken van dijtgeweef„ Partacla „ „ „ 6„ ses — dese doek niet rui Guineel gem gebl bengaels „ 25„ vijfen twintig pakken ingevalle de Cormandel „se guinees somtijts niet mogte kunnen voldaen werden, anders deze om de hooge inkoops te excuseeren ijser, ligt, lang, dun Plat — - lb 30 zege dertig duijsend ponden zout Javas Lasten 50 „ vijftig lasten Diverse Benodigtheden. guinees sijngebl sest parn / zegge/ twee pakken Phota sen van 2 Colib lijne twee pakken Cut „ 2 „ d„o grove bengaals — „ 1 „ Een pak voor de slaven Armesijn effene Dubbelde kisten „ Een kist diverse kouleuren Nagulen — „ 1 „ _o Chier van heeft men geen pond is voorraad Nooten — „ 1 _„o _E soekel 1 — Een sockel Foelij 1 Boel „ 1 —„ Baal Caneel waxkaarsen witte pod, 500 „ vijfhondert ponden Rose water kassen 2 „ twee kasten Candij zuijker Cannakas5 „ vijff Cannasters poeder _o _o 6 „ Zes _o zeep sourats kassen 5 „ vijf kassen Een hinderten thien stuks, daar van hoeden swarte p 40„ 10 p:s fijne 114: gemeene hembden bengaels por 200„ twee hondert stux Cmr't Een hondert p:s — guarni„ kousen Cormandelse p„s 1„ rokken en broeken blaauw met rood p:s 100 „ Een hondert d. montering s soen Jugtleer vellen 8 „ agt vellen verte verte even

NL-HaNA_1.04.02_2994_0081 view scan ↗

English

143 From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1768 From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760 Silk sieves 6 pieces White gauze or bolting cloth 3 pieces Large pole lanterns 8 pieces, being urgently needed, eight pieces for the fort Powder sieves 2 pieces Wooden washbasins 25 pieces, say twenty-five pieces Fire engines and accessories 2 pieces, two pieces, not provided Leather buckets 100 Cavalry saddles with bridles and shoes 12, four pieces, four pairs Hinges 6 pieces Silver signets 3 pieces, three pieces, of which 1 small one with the Company's coat of arms, which is somewhat larger than what is on hand here, on which is engraved in Arabic letters in the Malay language The Dutch Commander at Padang or the like, for the sealing of native letters 6 pieces that are somewhat nicely made of the best pewter, for use in the meeting hall Three pieces for the sifting of flour Artillery Iron cannon of 6 or 8 lb., 8 pieces, say eight pieces Gun carriages, ditto, ditto, 8 ditto, 8 Round shot, ditto, ditto, 400, four hundred pieces Grape shot, ditto, ditto, ditto, 50 pieces, 50 Mortar, 6 inches, 1, one piece One hundred ditto of one and the other in total With fuses, 50 pieces, say fifty pieces Lead pigs 12, twelve pigs, namely: 6 pigs Dutch 4 ditto Bengal and 2 ditto Ternate Gunpowder, two thousand pounds, lb. 2400 Cartridge paper, 10 reams, ten reams Ditto twine, 10 lb., pounds Ditto needles, 10 pieces, ditto pieces Refined sulfur, 50, fifty pounds Saltpeter, 100, one hundred ditto Woodwork Beams of 12 inches, 50 pieces, say fifty pieces Ditto of 10 ditto, 200, two hundred ditto Ditto of 6 ditto or assempe, 400, four hundred ditto Mill planks of 2 inches, 100, one hundred ditto Ditto, ditto, 1 1/2 ditto, 200, two ditto ditto Ditto, ditto, 1 inch, 500, five ditto ditto Large wall planks, 100, one ditto ditto Ditto, ditto, small, 200, two ditto Roof rafters, 500, five ditto ditto Bundles of tile laths, 200, two ditto ditto Chinese planks, 3000, three thousand ditto Leaguer staves, 500, five hundred ditto Bombs of 6 inches Lead pigs 12 Bombs Further 145 To Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760 From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760 Rixdollars, the tale having been received and smelted, accounted for at 1378 t mg. fine. Commander van de Wall, the aforesaid, the orders regarding [illegible]. Further, during the deliberations held concerning Your Right Honourables' letters mentioned in the heading of this document, we resolved on the 30th of May not to allow raw gold to be entered into the trade books hereafter at higher than 20 rixdollars, and likewise to have the sold linens accounted for, in respect of what is to be received for them, at f 370 per mark fine, and whatever the gold account shows ahead after deduction of the 3 percent smelting loss and approximately 1/10 percent assay loss, to credit the profit account once annually under the ultimate of August, in the hope that this order may finally satisfy the intention of Your Right Honourables, and that the debates that have repeatedly occurred back and forth concerning this calculation will thereby be finally eliminated. By resolution of the 7th of this month by the outgoing Commander van de Wall, with a report of the selling prices of the linens, being arranged and regulated in such a manner that the Coromandel goods are now increased to 59 15/16 and the Surat goods to 30 percent, and thus more than the regulation dictates. But for the Bengal goods, according to Your Right Honourables' honored order, we have had the highest prices stipulated, for the reason that the same have already remained unsaleable long enough. And we request permission to sell the 126 pieces of gingham, 1 red and two raw, and 31 pieces of raw moorees at public auction, as this is not an assortment to be exchanged on this Coast for gold, and because of its high selling price will absolutely remain unsold even longer. It is similarly situated with the salt and iron, which on this Coast has never been traded for gold, but indeed for cash, nor can it be, and therefore we request that Your Right Honourables' orders to convert the same into gold may be withdrawn again, so that by a prompt sale we may be able to demand a considerable quantity thereof annually, in order to make the burdens of this office bearable through these profits, which in the future will run much higher than previously on account of the dilapidated buildings and fortifications.

Dutch transcription

143 Van Sumatras West Cust den 25 aug„s 1768 Van Sumat„s West Cust den 25 augs 1760 Sinne inokt zevers p„s 6 „ witte gaas of buijl doek stukken 3 „ groote paal lan„ ten hoogste benodigt als zijnde kruijtziften p:s 2 „ Houte komskhapen p„o 20: zege / ijfen twintig stux brandspuijten en twee stux „ „. 2 Toebehoren d:o Emmers ledere „ 100. „ niet voorsien ruijterszadels met hoofdslellen otchoen „ 12 vier stuks „ vier paar Hangen — p„s 6 „ zilvere signetten „ 3 „ drie stux daar van 1 klijnen met 's Comp:s wapenwaar „ wat grooten van hier geen aan handen is „waar op met arabische letters in de Maleytse taal gesneeden staat De Hollandse Com„ „mandeur te Padang of diergelijke tot het zegulen van Inlandse brieven zes stux die een weijnig mooij gemaekt zijn van 't beste thin, tot gebruijk voor de vergader zaal drie stukken to 't ziften van 't meel „shaerns met glas uijten ps o „ agt p:s voor 't fort Arthillerij p:s d' zegge / agt stux 6 of 8 lb. affuijten d„o d„o 8: d„o „ 8 „ rondscherp d: d„ „ 00 „ vier hondert stuks vyftig stuks „ 50 druijrs d„o d„o d„o „ muterd„ b: duijm „ 1 „ Een p:s Een hondert dos van 't een en ander in 't geheel ijsere Canon van met buijs en p„s 50 /zegge / vijftig stux twaalf kippen als 6 kippen Hollands 4 — Bengaals en 2 _o Ternaats kruyt twee duijsend ponden H. 2400 „ _o stux thien riemen Cardoes papier riemen 10 „ — ponden „ garen lb 10 „ _o stux d„o naalden ps 10 „ swaffel geraffineerded 50 „ vijftig ponden Salpeter — „ 100 „ Een hondert d„o Houtwrrken balken van 12. duijm p:s 50/zegge / vijftig sleex d„o „ 10 —o „ 200 „ Twee hondert d:o vierhondert _:o d„o „ 6: d:o of assempe „ 400 „ molenplanken Een hondert d o. van 2 duijm „ 100 „ „ „ „ 1½ _o „ 200 „ Twee _o d„o vijf _o d„o d„o„ „ 1 d„m „ 500 „ Een _o d„o Een vande planke griote „ 100 „ „ do Twee do d„o, d„o, kleijne „ 200 „ vijf d„o d„o dak ribben „ 500 „ Twee d:o _:o pannelattenbossen „ 200 „ drie R„ duijsendt _ o Chineese planken „ 3000 „ vijf 2„a honder 1 d„o legger duijgen „ 500 „ bomben van bduijm lond kippen 12 „ bomben Voorts 145. Aan Sumatras West Cust den 25 aug„s 1760. Van Sumatras West Cust den 25 aug„s 1760 E rd:s de thal ingenomen en gesmolten zijnde tegens 1378 t mg: ffl aangerekend Commandeur vande wiell den zoorede, de ordres wegens gensen vand Vorts hebben wij onder de gehoudene besoignes over uw Hoog Edelens in den hoofde dezes vermelde brieven op den 30 meij besloten het ruwe goud. in den aanstaande bij de negotie boeken niet hooger als tot 20 rd„s te laten inneemen en zo mede de verkogte lijwaten wegens het daar voor te ontfangn in ge e e e ij t luditen den he „ding tegens ƒ 370. Z mg. ff. zuijver te laten aanreekenen, en wat de reekening van goud dan na aftrek van de 3 prC. ts smelt en circa 1/10 p„r Co Essaij verlies te voren staat, jaarlijks eens onder ult„o aug„s de winst reek: ten fa „reure te brengen, in hope dat deze ordre aan het oogwerk van uw Hoog Ed:s eens eijnde „lijk mag voldoen, en daar door de telkens over en weder voorgevallene debatten van dies aanreets: finaal uijt den r9 geruijmt zullen wesen vorikmar sgat van de Bij resolutie van den 7 dezer door den af gaanden Commandeur van de wall bij een berigt der uijtkoops prijsen der lijwaten zoda „nig geschikt en gereguleerd zijnde dat de Cormandelse als nu 59 /15 en de souratse op 30 p„r C„tso gesteijgert zijn en dus meerder als de bepaling dicteert. Dog voor de Ben „gaalse goederen hebben wy na uw Hoog Edelens g'eerde ordre de hoogste prijsen laten bedingen om reden dat dezelve al lang genoeg onver „koopbaar hebben gelegen. En versoeke om de 126 ps gingam : 1 roost en twoens ruar en 31 ps moeris ruwe p„s vendutie te mogen n rijgen verkoopen wijl dit geen sorteering is ge deze Cust voor goud om te setten, en door dies hooge uijtkoops prijs absolut nog langer onverkogt zullen blijven leggen. Indiervoegen is het gesteld met het zout en ajser dat nooijt op deze Cust van goigit esm maar wel in Contanten vernegotieert is, nog kan werden, en daarom verzoeken wij dat uw Hoog Ed=s ordres om 't zelve in goud de taol „queeren wag weder ingetrokken mag werden, op dat wij door een prompte debiet in staat mogen zijn Jaarlijx daar van een aansienelijke quantiteit te kunnen eijsschen om door dees winsten de lasten van dit Comptoir draagelijk te maken die in z' toekomende veel hooger loopen zullen als vor heen om de vervallen gebouwen en als Fortificatie S . . . ..

NL-HaNA_1.04.02_2994_0083 view scan ↗

English

147. From Sumatra's West Coast, 25 August 1760. From Sumatra's West Coast, 25 August 1760 [illegible] to improve the fortification works here, as this can suffer no further delay. Meanwhile, we humbly request as soon as possible the continuation or the introduction and conclusion of the extract from the remarks on the textile trade in general, as it merits being the most paramount matter here, namely the regulated calculation of how many textiles one must demand annually, and in what assortments these might consist. All other orders concerning the matter of trade will be observed as far as possible; just as we have the honor to accompany herewith under No. 9 according to the register, a duplicate detailed specification of the 468 bales of textiles by sort sent here in the year 1756, according to the honored requisition of the Masters by letters of 10 October 1758 and Your Right Honorables' further orders. Regarding the article on foreign nations, we submit to Your Right Honorables' honored speculation, accompanying this under No. [illegible] according to the register, a copy of the letter which the first signatory drafted in concept upon his arrival at this Coast, principally containing some detailed points of grievances and protests against the unlawful and no less violent actions of the French authorities of the ships Le Condé and L'Expédition, who arrived here on 13 March and thereafter at Pulau Cingkuk on the 22nd; to which we, to avoid prolixity, most respectfully refer, promising that as soon as an answer thereto has been obtained, we shall communicate to Your Right Honorables the necessary details regarding what satisfaction that nation has given the Company for the insult and affront suffered, toward the required reparation. The French Commissioner Jean-Baptiste Martin, having remained here until 30 June, finally departed from here with a private gunting for Bengkulu, where that nation is still staying until now. He took along from here the sick, both of his nation and the English prisoners of war, and without any doubt the Europeans found absent at the general muster, such as the soldier Faans Curtij 149. From Sumatra's West Coast, 25 August 1743 From Sumatra's West Coast, 25 August 1760 Curtij and the drummer Pieter Nooteboom, so that only the English qualified personnel still remain here. In accordance with our resolution of the 11th of this month, we have, upon their request, disbursed from the treasury to the English gentlemen Richard Wyatt and Alex Hall a sum of two thousand eight hundred Spanish dollars on a bill of exchange of the honorable English Company, and under the security of their persons and goods according to the contents of the attached bond, in the form of a bill of exchange and receipt, which funds served for the purchase of a vessel, with which they have already departed for Coromandel, and we are, to our joy, rid of that burdensome company; wherefore we humbly request Your Right Honorables to please collect that amount on Coromandel, or in Bengal, or there. For the rest, regarding the surgeons and the excessive charges brought against them, we refer most respectfully to our successive resolutions from 28 March to the 7th ultimo; and departing from this, we proceed to the chapter of assessments and remissions. We find ourselves obliged most humbly to urge Your Right Honorables to be pleased to relieve the surgeons mentioned in the resolutions of 8 May and 10 June of this year from that with which each individually has been charged for his share regarding the excessive hospital expenses successively brought up by them, except for those who have already departed from here, died, been retired, and discharged from the service, although these latter can otherwise hardly subsist; and those who have already been charged for it, such as the chief surgeon of this Commandery and the other assistant surgeons of the outer stations, having been scrutinized most closely in that which they have brought up monthly and still bring up for hospital expenses, and having found that they did not go too high; wherefore we then humbly persist not only in discharging those people from it for this time, but also in wishing to make some change in the determination of that which they may bring up for medicines, arrack for enemas, linen for plaster-cloth and lint, lamp oil for night lights, etc., as that is indeed impossible to do for one stuiver; in conformity with the request of the gentlemen

Dutch transcription

147. Van Sumatras West Cust den 25 aug„s 1760. Van Sumatras West Cust den 25 aug„s 1760 e e ui gueite de goo pakken g ast aered va onder aran de geld: tern „wess alheefens be hier van Fortificatie werken te verbeteren, wijl zulx geen langer uijtstel lijden kan Jnmiddens verzoeken wij nedrig zo spoedig mogelijk om het vervolg ofte de inleij„ „ding en 't slot van het extract uijt de aan merkingen over den lijwaat handel in't gemeen, als het allervoornaamste hier, meriteert, namentlijk de gereguleerde Calculatie hoe veel lijwaten men jaarlyks eijsschen moet en in, wat sortementen dezelve zoude mogen bestaan Alle overige ordres rakende het stuk van de negotie zullen zo veel mogelijk in obser „vantie gehouden werden; Gelijk wij de eer hebben hier nevens onder N„o 9 na register, verseld te laten gaan eene dubbelde specificque aanwijsing van de in Ao 1756 dit teen gezondene 468 pak „ken lijwaten inzoort, na het g'eerd requisit der Heeren m„r bij brieven van 10 8ber 1758 en uw Hoog Ed„s nadere ordres Ten opzigte van het articul der tot vreemde Natien laten wij uw Hoog „ onder„ dezen Ed„s g'eerde speculatie, na register „ N„o verseld gaan een Copia bries die den eerst getekende bij zijn aankomst ter dezer Custe in concept ge Princitaal „bragt heeft ^ inhoudende eenige omstandige poincten van doleantien en protestatien te„ „gens de onregtmatig en niet minder geweldige gedoentens, van de op den 13 Maart alhier en op den 22 daar aan tot p„lo chinco aangegierd zijnde Fransche overheden, der schepen d' Conde en L' Expedition, waar aan wij ons ter vermij„ „ding van breedvoerigheid op 't eerbiedigste gedragen met belofte zo dra daar op antwoord bekomen hebben, uw Hoog Edelens het nodige zullen communiceeren wat satisfactie die natie de Comp: voor geleeden hoon en smaad tot de vereijschte reparatie hebben gegeven „de fransche Commissaris Jean Baptest epraste Commissieirse Martin tot den 30 Junij alhier verbleven zijnde is denzelve eijndelijk met een particuliere gonting van hier na Bancahoulou vertrok ^hier toe „ken alwaar die Natie zig tot nog zijn ophoui „dende, deze heeft van hier mede genomen de zieken zo van zijne natie als de Engelsche krijgsgevangene, en buijten allen twijffel de bij de generale monstering absent bevin„ „den Europeesen als den zoldaat faans „loe bij Curtij 149 Van Sumatras Oest Cust den 25 aug:s 1743 Van Sumatras West Cust den 25 aug„s 1760 vorts f an aangeele gegeven Curtij en den Tamboer Pieter Nooteboom, zo dat de Engelsche gequalificeerdens alleen zig nog hier bevinden Conform onse resolutie van den 11 dezer hebben wij aan de Engelsche Heeren Richard wij alt en Alex Hall op hun versoek uit Cassa laten af „geven, een somma van twee duijsend agt hondert ad„s Sp:s op wissel van de honnorable Engelse Comp: en onder borg togt van hunne perzonen en goederen na Jnhoud van het nevensgaan „de verband schrift, bij forma van een wis„ „sel en quitantie, strekkende die penn: tot den inkoop van een vaartuijg, waarmede zij reets naar Cormandel vertrokken en wij tot onse vreugde van dat lastige geselschap ont „slagen zijn; weshalven wij uw Hoog Ed:s nedrig= versoeken om dat montant op Cormandel, of in Ben „gale dan wel a Costij gelieven in te palmen n stande en artueijns voor 't overige gedragen wij ons op 't eerbiedigste wegens te veel gegebragte sul dien aangaande aan onse successive resolutien zedert 28 Maart tot den 7 passato en hier van afstappende gaan wij over tot het chiapitter der Belastingen en ontheffingen wij vn „den ons verpligt uw Hoog Ed:s op 't nedrigste te in „Heeren om de bij resol: van den 8 Meijen 10 Junij dezes Iaars gementioneerde chirurgijns te willen ont heffen van 't geene, waar ijder een in 't bijzonder vorsijn aandeel is belast geworden, nopens de door hun suc: „cessive te veel opgebragte hospitaals ongelden, be„ halven den geene welke reets van hier vertrok „ken, overleden, gegagieert en uit den dienst ontslagen zijn, hoewel deze laaste buijten dien nauuwe„ „lyx kunnen leven; En die dewelke daar voor reets belast zijn, als den opperchirurgijn dezes Commandements, en de andere onder Chir„ „urgijns der buijten Comptoiren, ten nauw keurigste nagegaan zijnde in het geene dat zij voor de hospitaals guastos maandelijx hebben opge „bragt, nog opbrengen, en bevonden dat zij niet te hoog gegaan zijn, waaromme wij dan nedrig insteeren, om die menschen niet al „leen voor ditmaal daar van te ontlasten, maar ook eenige veranderinge te willen maken in de bepaling van 't geene, wat dezelve mogen op brengen, voor medicijnen, arak tot lavement„ lijwaat tot pleytterdoek en pluksel, lampolij tot nagt ligt enz dat immers voor een stvxrs on „mogelijk geschieden kan; Conform het request Heeren van „tesn

NL-HaNA_1.04.02_2994_0085 view scan ↗

English

151 From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760. From Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760. The report concerning certain adverse 1759 is about estate of Herzeele of which of the just-cited Head Surgeon Dirk Stolting, that these still appear separately under No. 27. By resolution of the 30th of May, the administration having been ordered to conduct an investigation and to state approximately who should be incumbent to pay various adverse entries in the trade books of the years 1756/7 and 1757/8, as well as who at the same time should bear the responsibility for the most recently extracted adverse entries in the just-passed year 1758 concerning the far too small amount of gold shipped compared to what was supposedly exchanged for linens in that year; wherefore compliance has been made therewith by them in our meeting of the 11th of this month, as appears from their report accompanying under No. of this, and to which we most respectfully refer, with a humble request to consider the reasons given therein as satisfactory, and regarding the restoration of the fortification, carpentry of ƒ5291:3:8, to demand this from the respective Orphan Chamber yonder, as holding the administration of the deceased estate of the late Commander van Herzeele. Although we again take the liberty most respectfully to urge Your Right Noble Honors to relieve that estate therefrom, since the outgoing Commander van de Wall and several members of the Council declared in the meeting of the 11th of this month that they can testify with truth that said man never directly or indirectly benefited therefrom, but on the contrary observed the economy of the expenses to the utmost of his ability, and it is indeed beyond doubt an established truth that although the Company did have to bear higher costs in that financial year, the Company's buildings and fortification works were nevertheless thereby considerably improved and preserved from total ruin. And as regards the remaining entries concerning the trade, aside from those cited in the aforementioned report, everything has been genuinely paid in cash, except for the aforementioned overcharged hospital expenses. Regarding the liquidation of both the other sailors of the Tangerang, whether they have indeed been charged for the enjoyment of ƒ121: and thus the Company remained free from damage or not, we shall most respectfully refer Your Right Noble Honors to what the pay bookkeeper mentions thereof in his separate memorandum accompanying under No. 19. In concluding this article, we humbly request Your Right Noble Honors to have the charged amount of ƒ901:6:— paid out of the estate of the late Commander van Herzeele and by the authorized agents in Batavia of the Junior Merchant Lantzius who has departed for the Netherlands, along with another 2 1/3 of 92 2/300 tael of gold, which is now also charged to their account per invoice at ƒ400: light money. With regard to the article of Entries and Write-offs, we request Your Right Noble Honors to be permitted at the first opportunity to write off the amount of ƒ2277:—, which was very improperly placed to the account of Confiscations, which was successively disbursed to the Natal Regent Bagindo Maharadja Lello upon Your Most Esteemed orders enclosed in secret letters from the years 1753 to 1757. And likewise to be granted authorization to write off to prior-year charges and expenses an amount of ƒ44794:13:8 on account of various materials and tools that are already in use in the workshops and elsewhere, but are nevertheless formally still carried forward on the books as capital assets. Regarding the other alterations made in the accounts in the books, we shall most respectfully conform to the report that was incorporated into our resolution of the 11th of this month, in the hope that this will merit Your Right Noble Honors' approval, as it is very necessary that the books be cleared of such entries as have been placed on improper accounts. The account of compensation still being in arrears for ƒ954:14:—, we have, with favorable interpretation, charged that amount back to Batavia, because it appears from the aforementioned report that these are not errors. While we must bring to the respectful notice of Your Right Noble Honors that we cannot spare any muskets from our meager stock, wherefore it is impossible for us to comply with Your Most Esteemed orders to furnish 300 pieces.

Dutch transcription

151 Van Sumat=s West Cust den 25 aug„s 1760 Van Sumat„s West Cust den 25 Aug:s 1760. 't berigt wegensousse nadee 1759 gaat over boedel van Herzeele daar van even gecitteerde opperchirurgijn Dirk stolting dat dezen nog apparten onder N:o 27 verseh Bij resolutie van 30 meij, de adminstra deie eten de tote „ rs geordonneert zynde, om onderzoek te doen, en p:r naasten op te geven, wien diverse nadee „lige posten bij de negotie boeken van den Jaare 1756/9 en 1757/6 incumbeeren zoude, te moeten betaalen mitsg:s wien ook teffens de verantwoording zou„ „de moeten dragen van de Iongst g'exteerde nadeelige posten in 't evenverweken Jaar 1758 nopens het veels te min verzondene goud als er in dat jaar aan lijwaten omgezet zoude zijn: weshalven van door dezelve in onse vergadering van den 11 dezer daar aan vedaan is geworden, blijkens hun berigt onder N„o dezes verseld, en waar aan wij ons op 't eerbiedigste re „fereeren, met ootmoedig verzoek om de daar bij gegevene redenen voor voldaan te houden en an de en reesleragie an te fontificatie, Timme van ƒ5291:3:8: van de respective weeskamer â Costij af te vorderen, als onder administratie hebbende den nagelaten boedel van den overleden Commandeur van Herzeele. Alhoewel wij ons nogmaals vastouten uw Hoog Ed„s op 't alle ongalst weijken den „eerbiedigste te insteeren, omme dien boedel daar van te onblasten van te ontlasten, alzo den afgaande Comman „deur van de wall en verscheijde leeden van den raad, hun gedeclareert hebben, in de vergadering van den „ dezer, dat ze met waarheid kunnen betuijgen dien mansz:/ zig nooijt direct of indirect daar van bevoordeelt te hebben, maar ter contarie de menagie der lasten na zijn uijtterste vermo„ „gen betragt, en 't immers buijten twijffel een vaste waarheid is, dat of schoon de Comp: die kos„ „ten in dat boekjaar wel meerder heeft moeten dragen, egter 's Comp:s gebouwen en Fortificatie wer „kon daar door merkelijk verbeterd entt voor een totaal verval bevrijd zijn geworden. — En wat nu de resteerende posten aangaat omtrent de negotie buijten die geene welke bij het voorm: berigt aangehaald zijn, is alles reëel aan cas„ „sa voldaan, behalven de voorm: te veel op gebragte hospitaals guastos der beijde sal andere matterosen licidat e Tangerang betreft, of dezelve voor 't genot van ƒ121: wel belast zijn en dus de Comp: buijten ns Schaden S 153 Van Sumatras West Cust den 25 aug:s 1760 Van Sumatras est Cust den 25: aug:s 1760. t mtstaet iesen ejni trekend. gerequireerde snap hans zijn niet te mitse oor zijne t aie ogekeng verandert schaden is gebleven, dan niet, zullen wij uw Hloven Edelens op 't eerbiedigste renvoijeeren aan het geene den zoldij boekhouder bij zijn aparte me morie onder N„o 19 verseld, daar van gewag„ maakt e manm nen besluyte van dit articul verzoeken wy uw Hoog Edelens nedrig omme het aangere „kende montant van ƒ901: 6: — uijt den boedel van w:t den Command„r van Herzeele en door de gemagtigdens op Batavia van den na Neder „land vertrokken onderkoopman Lantzius te laten voldoen nevens nog 2 1/3 van 92 2/300 thail goud, dat thans mede tot lasten van dezelve p„r factuur tegens ƒ 400: L mg. ff: aan gerekend werd Ten aanzien van het articul der In en Afschrijvinge verzoeken wij uw Hoog Ed„s bij' eerste gelegentheid te mogen afboeken het zeer oneijgen op reek: van Con„ „fiscatie gebragte montant van ƒ2277: dat op hoogst derzelver g'eerde ordres bij secreete brieven zedert A:o 1753 tot 1757. ingesloten, aan den Natters regent Bagindo maharadja Lello successief is verstrekt geworden. En zo mede om qualificatie op ronjaarige lasten en ongelden te mogen afsz een montant van ƒ44794:13:8: wegens diverse materialen en gereedschappen die reets op de winkels en elders in gebruijk egter nog bij de boe „ken formeel ingelden voortlopende zijn Wegens de overige gemaakte verande¬ „ringen in de reekenings bij de boeken, zullen wij ons op 't eerbiedigste gedragen aan 't be„ „rigt dat bij onse resol: van 11 dezer ingelijft is in hoope dat zulx uw Hoog Ed:s aggreatie merc „teeren zal alzo het zeer noodzakelijk is dat de boeken gesuijvert werden van zodanige posten die op oneijgen reet:s gesteld zijn. De reek: van vergoeding nog ƒ954:14:— ƒ90: 14: vede teruge ten agtere staande, hebben wij onder gunstige welduijding dat montant Batavia weder te rug gerekend, om dat bij het gem: berigt blijkt zulx geen erreuren zijn Terwijl wij uw Hoog Edelens ter eerbiedige kennisse moeten brengen, wij van onse ge„ „ringe voorraad geen geweeren kunnen mis „sen, waarom wij aan derzelver hoogst g„ eerde ordres van 300 p:s afte steeken, onmoge„ En „lijk

NL-HaNA_1.04.02_2994_0087 view scan ↗

English

From Sumatra's West Coast, 25 August 1760. Having nothing to report regarding judicial matters, other than that the sentence of the quartermaster Jan Keijscher for the murder perpetrated against his commander Albertus Bosch has already been executed, as appears from the copy of the sentence accompanying this under No. 12. Regarding the article of ships and vessels, we have the honour to inform Your High Nobilities that, in accordance with the record of the session of 30 May, we were obliged to purchase from the English nation a nine-inch cable rope, subject to the approval of Your High Nobilities, because the commander of the Goudvink raised objections against going outside the river with the shallop to unload the ship De Waaksaamheid without it, with which ship no 9-inch rope had been brought. In view of the explanation required by Your High Nobilities regarding the 50 pieces of Tinkang and 250 pieces of sawn planks which were said to have been sent hither in the year 1750, much less consumed on the Tanjongpoura, we must inform Your High Nobilities that the same were neither brought nor received here. The officers of the aforementioned vessel having delivered their cargo in such a manner that they are still credited with ƒ208:14.-, which was credited to the expense account of the laydays of the said vessel in order to credit their salary account accordingly. The aforementioned officers were authorised by us to write off from their inventory the everyday anchor rope, which broke twice and was thus condemned for further service. We also take the respectful liberty to recommend to Your High Nobilities, on their behalf, the boatswain Jochem Geloff and the boatswain's mate Hans Hoetman, who were provisionally appointed on that vessel during his voyage hither by the first signatory, to confirm these capable seamen in their provisional appointments with the wages pertaining thereto. Now arriving at the chapter of the Servants, we have the honour to inform Your High Nobilities that the elected Commander Christiaan Lodewijk Seuff was presented to the community in that dignity in a solemn manner on 25 June, as is recorded in detail in the resolution and the excerpt from the daily register of that same day, which accompanies this separately under Nos. 6 and 11, on which occasion it pleased the outgoing Commander Van de Wall to step down so early in order to be able to settle his affairs in the meantime. The said outgoing commander, in accordance with the esteemed orders of Your High Nobilities, also delivered and left behind upon his departure from here such a memorandum for his successor as may serve for the convenience and direction of the Company's affairs in the administration, of which a copy is enclosed under No. 23, in the hope that this may have been done somewhat according to order and will merit the approval of Your High Nobilities. Furthermore, the first signatory comes to express his humble gratitude to Your High Nobilities for the good confidence and expectations which you have been pleased to place in this service of his, which has already begun, under his true assurance that, through continuous and untiring labour and attention, he will endeavour to raise the interests of his Lords and Masters to the highest peak, and will seek to contribute everything that can possibly be brought about for the revival of the state and commerce at this Coast, leaving nothing untried so as to make the Company flourish more and more from this Coast. Likewise, on that same day, a proper transfer was also made by the outgoing Commander to his successor of all such effects and goods as were found to be actually present as of that date and in agreement with the books of this office, as can be seen in further detail in the written general survey and the transfer accompanying this under No. 26, to which we most respectfully refer Your High Nobilities. Just as the outgoing Commander Van de Wall, now crossing over with his family, also expresses his gratitude to Your High Nobilities for the granted release to the chief capital of the Indies.

Dutch transcription

Van Sumatras West Cust en 25 aug:s 1760 Van Sumatras West Cust den 25:' aug:s 1760 „lyk kunnen voldoen Niets omtrent het Jan ken eris ageuert Justitieele te melden hebbende, dan dat het vonnis aan den quartiermeester Ian keijscher over geperpetreede monrd aan zijnen gezagverder Albertus Bosch, reets g'executeert is, blijkens dezen onder N:o 12. versellende Copia sententie Belangende het articul der Scheepen en vaartuijgen hebben wij de eere uw Hoog Edelens te Communiceeren dat Conform het aangeteekende ter sessie van 30 meij ge„ „noodzaakt zijn geweest van de Engelse natie een Cabel touw van negen duijm op approbatie van uw Hoog Ed„s in te korpen, om dat den gezag voerder van de Goudvink swarigheid maakte zonder het zelve met de Chialoup buijten de rivier te gaan, het schip de waaksaamheid te lossen, waarmede geen touw van 9 duijm is aangebragt. Ten aanzien van uw Hoog Ed:s gevorderde onfingantn zij hier miet elucidatie wegens de 50 p. s Tinkangse en 250 p:s gezaagde planken die in a„o 1750 zoude herw:s gezonden zijn, veel minder aan de Tanjong „poura verbruijkt, moesten wij uw hoog Ed„s be rigten dat dezelve hier niet aangebragt, nog ontfangen zijn Door de overheden van voorm: bodem hunne aangebragte lading zodanig uijtgeleverd zijnd e e F dat haar nog ten goede komt ƒ208:14.- 't gunt de onkost reek: der legdagen van gem: bodem ten goede gedaan is, om haar zoldij reek: daar voor te crediteeren. De vorm overheden zijn den touwant hlie pe door ons gequalificeert het dagelijks anver touw dat tot Tweemalen toe gebroken en dus tot voorige diensten afgekeurd is, bij hunne inven „taris af te mogen schrijven Ook neemen wij de eerbiedige vrijheid de door den eerst geteekende op dien bodem bij zijne her„ „waarts reijse p„l aangestelden bootsman Jochem geloff en schiemansmaat Hans Htoetman uw Hoog Ed„s ten besten voor te dragen, deze be„ „quaame zeelieden in hunne provisioneele diensten te bevestigen met de daar toe staan „de gagie Thans genadert zijnde tot het Chiapiter der Dienaren, hebben wij de eer uw Hoog Ed=s te is e e gingj vangete communiceeren, dat de g'eligeert Commandr poura Christiaan 155. 157. Van Sumatras Cust den 25 aug:s 1760 Nes Sumatras Wt Cust den 25 aug:s 1760 Van p:r sen tCaflaa de Comman haar Hoog 't goed verkaarwen den tweede heeft aan de eerst geteekende van alles trans Christiaan Lodewijk Seuff op den 25:' Junij in die waardigheid op een plegtige wijse de gemeente is voorgesteld, gelijk zulx in 't breede aangetekend is, bij resolutie en extract dag register van dien zelven dag, dat hier nevens nog apparte onder N„o „ 6: 11: verseldes, wanneer het den aefgaande Commandeur van de wall zo vroeg tijdig behaagt heeft gehad, om intusschen zijne zaken te kunnen redden. - welken huif if oe vang konmenan aaltrjem op de g'eerde ordres van uw Hoor Ed„s dan ook zodanig een memorie bij zijn depart van hier, aan zijnen vervanger overgegeven en nagelaten heeft als tot gemak en lijding van 's Comp:s saken in de huijs houding zal kunnen dienen waar van dies Copia onder N:o 23. verseld is in hoope dat dit een en ander eenigsints na de ordre ge „schied mag zijn en uw Hoog Ed:s approbatie meriteeren Voorts komt den eerstget: zijn nedrige dank lindent dag s n rep aarheid aan uw Hoog Ed„s te betuijgen voor 't goed vertrouwen en de verwagting die hoogst dezelve gelieven te stellen, in deze zijne„ #t reets aangevange dienst onder zijn ware verzekering, dat hij, dor een geduurigen onvermoeijden arbeijd en attentie zijner Heeren m:s intrest zal tragten in den hoogsten top te doen stijgen, en alles zoeken te contribueeren, wat maar ietwes ter opbeuring van den staat en handel ter dezer Custe te weege gebragt zal kun „nen werden, zonder iets onbezogt te laten om dus de maatschappij meer en meer van deze Cust te doen floreeren Mitsg„s ten dienzelven dagen almede door den afgaande Commandeur aan zijn ver pontgedag. „vanger behoorlijk transport gedaan zijnde, van alle zodanige effecten en goederen, als onder dien dato in waare weesen, en met de boeken dezes Comptoirs over eenkomstig be „vonden zijn, gelijk zulx bij de schriftelijke Generaale opneem en het transport onder N„o 26. verselds breeder te zien is, en waaraan wij uw Hoog Ed:s op 't eerbiedigste komente ren voijeeren. – Gelijk den thans met zijn fa „ gantsbluijmin ene o milie overvarende afgaanden Commandr ten veresing van de wall almede zijne dankbaarheid be„ „tuijgt aan uw Hoog Ed:s voor deszelfs g'accor„ „deerde verlossing over Indias Hoofd plaatse onvermoeijden na

NL-HaNA_1.04.02_2994_0089 view scan ↗

English

Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760. From Sumatra's West Coast, dated the 25th of August 1760. Thanksgiving for the sending here of the minister. Seijfferth requests his discharge. Request for merchant's wages to the Netherlands. Likewise, we are exceedingly grateful to Your High Noble Reverences for sending here the Reverend Minister Johannes Gabriel Relotius, who has administered the Holy Sacraments here to the satisfaction of the congregation and is now returning to the Coast with his family. Just as, by the bearer of this letter, such discharged servants are crossing over to Your High Noble Reverences as dictated by the enclosed muster roll accompanying this under No. 20. While the Resident of Adjerhadja, Christiaan Ernst van Seijfferth, requests his discharge from there, and to succeed in his place five applicants present themselves, namely the Junior Merchant and Secretary of Policy Jan Boudewijnsz, the Junior Merchant Joseph Challier, alongside the Bookkeepers Coenraad Meertensz, Herman Ludewich, and Jan Jacob Sles. Forcade requests to succeed to the secretariat. Also, in case the aforementioned Boudewijnsz should succeed in his request, the Bookkeeper and First Sworn Clerk Bartholomeus Francois Forcade requests to be allowed to succeed in his place. Just as the Bookkeeper Jacob Hendrik Pas, stationed at Eijmpadje, implores Your High Noble Reverences that he may be favorably considered upon relief. Also, the Ensign and head of the militia, Jacob Fredriksz, comes most respectfully to implore Your High Noble Reverences to be favored with the rank and pay of Lieutenant, for which we have also wished to recommend him as a man of good conduct and capability, adding our solicitation to his, since his contract as Ensign has almost doubly expired and he will well merit that favor from Your High Noble Reverences. Coerte requests second mate's pay. Likewise, the Equipage Overseer Gerrit Coerte and Chief Surgeon Dirk Stolting request to be allowed to obtain their previous pay again, all in conformity with their separate petitions accompanying this under No. 27, with this our added remark, that the Equipage Overseer might very easily have been overlooked in the latest regulation made on the 7th of August of last year, because only two second mates were determined therein. Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760. Junior merchant's emoluments on this Coast. Two second mates are determined, who indeed may be counted outside the Equipage Overseer of this Coast, in order to employ the same on two fixed shallops that are permitted for this purpose. Wherefore we also take the liberty humbly to urge Your High Noble Reverences to favor the following for their services, after the example of other places here in the Indies, with junior merchant emoluments, namely the Bookkeeper and First Sworn Clerk of Policy Bartholomeus Francois Forcade, the Equipage Overseer Gerrit Coerte, and the Pay Bookkeeper Mattheijs Alderkerk. Just as we furthermore very urgently request Your High Noble Reverences to allow the Buginese military personnel stationed here to be paid the monthly wages still due to them from the Company, since we, in consideration of their great poverty, have had disbursed to them, upon their request, two-thirds in deduction of their due monthly wages, and one-third we have, according to custom, left standing pending further orders from Your High Noble Reverences. And to conclude this chapter, we most respectfully request Your High Noble Reverences to issue the necessary orders that the European and Batavia pay accounts of the soldiers Philip Reijnbout, Dirk Koster, Jan Kielnikker, and Lodewijk Barneveld, alongside those mentioned in the separate note under No. 14, may be sent here as soon as possible, so that these poor people can fully enjoy their earned wages, which up to now have proceeded only formally and on debit accounts in the books. Meanwhile, we also take the liberty humbly to urge Your High Noble Reverences to let the departing Commander van der Wall enjoy his emoluments at Batavia, according to a separate memorial accompanying this under No. 22, both for the recently passed 9 3/16 months and additionally for the voyage to the Coast. Effective strength of the servants. In continuation of this, according to custom, the concise strength of the servants stationed here on the Coast as of the end of the previous month is inserted, consisting of a total of 354 persons, to wit: Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760. Ministers and servants of policy and commerce: 2 Commanders, of whom one is departing 1 Merchant 6 Junior Merchants 22 Bookkeepers and lesser clerks Ecclesiastical servants: 1 European sick-visitor 1 Native sick-visitor and schoolmaster Mariners: 3 Second Mates, among whom one is an Equipage Overseer 1 Boatswain 6 Quartermasters 33 European sailors 34 Moorish sailors 4 Native sailors European military: 1 Ensign and head of the militia 10 Sergeants 15 Corporals 2 Trumpeters 134 Soldiers 3 Drummers Buginese military: 6 Corporals 42 Privates 327 persons carried forward. Gunners: 1 Gunner 3 Gunner's Mates Servants of medicine and surgery: 1 Chief Surgeon 5 Under-Surgeons Craftsmen: 1 Overseer of the blacksmiths 1 Ditto of the house carpenters 5 Blacksmith journeymen 2 House carpenters 3 Ship carpenters 2 Masons 1 Cooper 1 Sailmaker 1 Provost marshal 354 persons, as stated. The requisition now being sent by us for the required men, alongside the aforementioned strength, we request may be sent hither as soon as possible, namely: Military: 200 persons, as: 150 Europeans, among whom a drummer and a piper 50 Buginese Seafarers: 60 persons, as: 327 persons carried forward. Artillerymen: Turn over 30

Dutch transcription

Sumatras WWest Cust den 25 ug:s 1760. Van Sumatras West Cust dgt aug„o 14 Van dankzegging voor 't dit hee zends van den predikant over. Seijfperth insteert om zijn verlossing op om op te kreefs „mansgagie na Nederland. Ingelijker wegen zijn wij uw Hoog Ed:s ten hoog „ste dankbaar, voor 't dit heen senden: van den Eerw: predikant Iohannes Gabriel Relotius die alhier ten genoegen van de gemeente de H: Sacramenten bediend heeft en thans met zijn familie na Costij retourneert Gelijk p„r brenger dezes tot uw Hoog Ed:s overvaren de verlste dienarmmeren zodanige verloste dienaren als ingesleten naam rolle die onder N„o 20: verseld gaat, komt te dicteeren den apparhadjas resident Terwijl den resident van Adjerhadja Christiaa Ernst van Seijfferth van daar zijn ontslag versoekt, en om in zijn plaats te mogen optreeden komen zig daar toe vijf solliran „ten op te doen, namentlijk den onderkoopm: en vijf sullicitanten ven z. g n secret.:s van politie Ian Boudewijnsz, den onderk Joseph Challier nevens de boekh: s Coenraad Meertensz: Herman Ludeurih en Jan Jacob Sles foreade versoort om 't se mitsg:s ingevalle voorn: Boudewijntz in zijn verzoek mogte reusseeren zo versoekt den boekh: en eersten gesw: Clercq Bartholomeus Francois Forcade in deesplaats te mogen secretariaal succedeeren Gelijk den boekhouder Jacob Hendrik Pas, Eemipaie onten gari „genojauw uw Hoog Ed:s imploreert om bij ver schansing ten goede bedagt te mogen werden. Ook komt den vaandrig en hoofd der militie frgewind om dequali Jacob Fredriksz: uw Hoog Ed„s op 't eerbiedigste te imploreeren, met de qualiteit en gagie van lieut„e begunstigt te mogen werden, waar toe wij hem als een man van goede Conduites en Capaliteit, teffens wel hebben willen re „commandeeren, met onse sollicitatie bij de zijne te voegen, alzo zijn verband van vaan „drig bijkans dubbeld g'expireert is en die gunst van uw Hoog Ed„s wel meriteeren zal Insgelijks versoekt den Equipagie opsiender Coerte om openstuur Gerrit Coerte en opper chirurgijn Dirk stol „ting om hunne voorige gage wederom te mogen optineeren, alles conform hun apparte onder N„o 27. dezes verseld gaande requesten met deze onse bijvoegende remarques, dat heel ligt de Equipagie opziender overge „slagen kan weesen bij het jongst gemaakte reglement van 7 aug„s des verleeden Jaars, wijl daar bij maar twee onderstuurlieden succedeeren bepaald Van Sumatras West Cust den 26 aug:s 1760. Sumatras Oest Cut 1 25 aug„s 1760. Van koopmans emolum op deze Cust bepaald zijn, die immers buijten den Equi„ „pagie opsiender var deze Cust gerekend mogen werden, om dezelve op twee vaste Chialoupen die hier toe gestaan werden, te kunnen emploijeeren Ennevensgen bait omnsde Jnvoegen wij ink de vrijheid neemen uw Hoog Ed:s, nedrig te insteeren om de volgende op hun diensten na het exempel van an„ „dere plaatsen hier in Jndien te favori„ „seeren met onderkoopmans emolumenten als den boekhouder en eerste getw: Clercq van pilitie Bartholomeus franwis fferca de den Equipagie opziender Gerrit Coerte, in tante ma eenegaen zoldij boekhouder Mattheijs Alderkerk; gelijk wij uw Hoog Ed:s nog zeer instantig versoeken omme de alhier bescheijdene bougineese militairen afbetaling te mogen laten doen van hunne nog bij de Comp: te aan voorenstaande maandgelden also wij ^ die menschen uit hoofde hunner groote ar„ „moede op versoek hebben laten verstrekken twee derde in mindering van hunne te vorenstaande maand gelden en een derde hebben wij na usantie tot nadere ordres van uw Hoog Edelens nog laten staan. En tot besluijt van dit Chiapiter versoeken wij uw Hoog Edelens nog op 't eerbiedigste om gn demens weer bij nodige ordres te stellen dat de baarse en Bataviase zoldij reekenings van de zoldaten Philip Reijnbout, Dirk Koster, Ian Kielnik „ker en Lodewijk Barneveld, nevens de zoda, „nige die bij apparte notitie onder N:o 14: ver „meld staan, ten spoedigste dit heen gesonden mogen werden, op dat die arme menschen hunne winnende zoldijen ten volle kunnen genieten, die tot hier toe nog formeel en op schuld reek: bij de boeken voortgelopen hebben. Jnmiddens wij nog de vrijheid neemen uw Hoog Edelens nedrig te insteeren, om de afgaande Commandeur van de wall na een onder N„o 22 dezes versellende apparte memorie op Batavia te laten genieten, zijne emolimenten zo voor de Jongst verweezene 9 3/16. maanden als voor extra op de reijs na Costij Ten vervolge dezes na usantie g'insereert rate sterkte der dienaren werdende de korte sterkte der onder ult=o pass„o hier ter Custe bescheijdene dienaren bestaande in een getal van 354. koppen van # te 161 Van Sumatras West Cust den 25 augs 1740 Van Sumat=s West Cust den 25 aug:s 1760. 24 te weeten, Ministers en bediendens van de politie en Commercie 2 Command„s waar van een afgaat 1 koopman 6 onderkooplieden 22 boekhouders en mindere scribenten Kerkelyke Bediendens 1 Europees krankbezoeker 1 Inlands _:o en leermeester Marines 3 onderstuurlieden waar onder een equipagie opziender 1 boitsman 6 quartiermeesters 33. Europeese mattroosen 34. moorse 4 Inlandse Europeese militairen 1 vaandrig en hoofd der militie 10 zergeants 15 Corporaals 2 trompetters 134: soldaten 3 Tamboers Bougineese militairen 6 korporaals 42 gemeene 327 koppen die Transporteeren. 1 Constapel 3 Constapelsmaats Bediendens van de genaskunden Chirurgie 1 opperchirurgijn 5 onder Ambagtslieden 1 opziender der smeeten 1 d„o der huijs timmerlieden 5 Smits gesellen 2 huystimmerlieden 3 scheeps 2 metselaars 1 Kuijper 1 Zeijlmaker 1 geweldiger 354. koppen zo als gezegt De bij ons thans afgaande eijsch gevordert om nevens gem: stantie gen. schappen werdende manschappen versoeken wij zo spoedig mogelyk herwaarts gezonden mogen werden, namentlijk Militairen 200 koppen als 150 Europeesen waar onder een tamboer en een pijper 50 bougineesen zeevarende 60 Kippen, als 327. koppen P„r Transport Arthilleristen verte 30 163.

NL-HaNA_1.04.02_2994_0092 view scan ↗

English

165: From Sumatra's West Coast, the 28th of August 1760: From Sumatra's West Coast, the 2nd of August 1750 30 Europeans and 30 Moors in place of others who request their discharge. Craftsmen 10 persons, namely house carpenters 1 sailmaker 2 masons 2 shipwrights engineer or land surveyor who is qualified to prepare a plan or map of the fort, the river, and the roadstead of Padang. The cargo of the bearer of this consists of the following, namely: 164 9/576 mark fine or 1: 90:7 3/96 collected and calculated here, also at 78 guilders the mark fine net: 52641 guilders, 9 stivers, 8 pence. 44 9/125 piculs of black pepper gathered, whereof the 283 19/125 piculs at this office 161 19/45 at Dagerhabyja amounting together to 9073 guilders, 17 stivers 445 1/16 piculs 31 19/125 piculs of white extraordinary benzoin in 18 chests, collected with its charges for: 2401 guilders, 13 stivers, 8 pence. 140 ditto ordinary white benzoin: 13910 guilders, 8 stivers, 8 pence. 35 ditto black or sort peeuw collected for: 777 guilders. 84 29/32 old exchanged payment reals collected here for: 179 guilders, 18 stivers. 44 pounds dust and rubble of spices with: 12 guilders, 18 stivers. 1 piece Guinea cloth for mourning: 8 guilders, 15 stivers. All to a general sum of 19005 guilders, 19 stivers, 8 pence. In accordance with the enclosed invoice and bill of lading, besides that which is still to come to Your High Excellencies under separate cover from Chinioen Adjahadja. For the rest, we return herewith to Your High Excellencies the sealed letter addressed to the English administration of Bancahouloe. And in conclusion, we accompany herewith such secretarial papers as are packed according to the register in a separate small chest. However, the duplicate set of copies of resolutions for the Netherlands could not possibly be got ready with this vessel, owing to the voluminous paperwork of the large insertions in the resolutions, with the promise that the same will nonetheless follow as soon as possible. With the assurance that we remain with profound respect, underneath stood: ordinary style, was signed: C. L. Senff, Fr. van de Wall, H. van Haveren, J. A. Thierens, J. Boudewijnsz., J. Challier, and J.bk Fredriksz. In the margin: Padang on Sumatra's West Coast, the 25th of August 1760. besides 167 From Sumatra's West Coast under date 25th of August 1760. From Sumatra's West Coast under date 25th of August 1760 Batavia With this vessel, De Waaksaamheid, I have the good fortune to send to Your High Excellencies, charged according to the invoice of the head office at Padang, 2889 guilders, 11 stivers in gold, namely: 180 ounces 6 rif 1084 1/2 shail gross of 21 1/2 carats or marks, or 161: 22 carats 1 1/2 grains gross, otherwise fine 167 marks, 1 ounce, 8 grains net according to the extract resolution of Her Honorable Worships on the 7th ditto at 378 charged, together with 20202 pounds or 162 39/125 piculs of pepper provided on the 7th past with the sloop De Hasewind instead of ballast, which is accounted for herewith. The said sloop having arrived here on the 28th of May with 93 bales of linens, wishing that these may only be in deduction of the 195 bales requisitioned under the end of December 1759, otherwise they will be disposed of in 4 to 5 months. On which account I humbly request the remainder with the accompanying further requisition, which is still most urgently needed: there being at the present juncture 100 bales of white and 100 bales of brown and blue linens to turn over, as appears from the accompanying return of 11 months, 11508 guilders, 18 stivers, after deduction To as before. of risk, 29590 guilders, 8 stivers or 30 3/4 percent apparent profit. The expenses of 10 months, 5559 guilders, 4 stivers deducted, 24037 guilders, 4 stivers in real profits remain, which will further increase in the coming 2 months. Further, in most dutiful reply to Your High Excellencies' most respected letter of the 10th of April, I have the honor very humbly to report that a misconception that in the 69543 guilders, 6 stivers, 8 pence only 23793 guilders, 14 stivers, 8 pence or 8 percent apparent profit would have been gained; such has been gained amply at 65876 guilders, 12 stivers or 37 percent, so that this purchase together with the said profits amounts to more than the aforesaid 69543 guilders, 6 stivers, 8 pence, so that Coast goods yield 50, Bengal 40, Surat 30, Malabar 40 percent, which amounts to only 3 percent less on account of some unwanted and highly priced goods, which had to be sold off with the previously permitted 18 percent. Presently, the prices will be calculated and sold according to Your High Excellencies' order; at present, the people will have to accommodate themselves to this sooner than before, when the English were so close by and sold at any price, which made them so arbitrary and caused my fluctuating requisitions, all of which will cease, and no more complaints about poor sorts of linens will be necessary. of By

Dutch transcription

165: Van Sumatras West Cust den 28' aug:s 1760: Van Sumat„s West Cust den 2: augs 1750 30. Eieropeesen en 30 moorse in stede van andere die hun verlos„ „sing versoeken. Ambagtslieden 10 koppen als „ huijs timmerlieden 1 zeijlmaker 2 metselaars 2 scheeps timmerlieden jngenieur of landmeter die bequaamis van 't fort, de rivier en rheede van Padang een plan of kaart te formeeren. De lading van brenger dezes bestaat is de volgende als 164 9/576: mq: ff: of 1: 90:7 3/96 alhier ingesameld en gerekend, teffens ƒ78: 't mg: sf: netto - - - ƒ52641:9: 8. 44 9/125. picol Peper sw: geraapte, daar van 't 283 19/125. picols ten dezen Comptoire - -„ 161 19/45. tot dagerhabyja bedragende te samen —„9073: 17 4451/16 picols — 31 19/125. picols witte extraord:e benzuin in 18 kisten ingesamelt met diesongelden voor - - -„ 2401: 13: 8. 140: d„o benzuin ord:e witte — - —„ 13910: 8: 8. 35. „ d„o swarte of zoort peeuw ingesameld voor „ 777: — —. 84 29/32: realen oud ingewisselt paijement alhier ing„e„ 179: 18: —. „sameld voor 44 lb stof en gruijs van specerijen met — - „ 12: 18. —. _„ 8: 15. —. 1 p:s guinees tot monker — Alles tot een generaal bedragen van ƒ 19005: 19:8. Conform ingesloten factuur Cognoissement behalven het geen e ^ uw hoog Ed„s nog apparte„ ondergeleijde letteren van Chinioen Adjahadja staat toe te komen. Voor 't overige zende wij hier nevens aan uw Hoog Ed. s te rug de gecachet„ „teerde brief aan 't Engels ministerium van Bancahouloe gecarteert En tot besluijt laten wij hier nevens verseld gaan zodanige secretarij papieren als in een appart kistje na register afgepakt zijn. Dog het dubbelde stel Copia resolutien voor Neder „land heeft met dezen bodem onmogelijk kun „nen klaar komen om het veelvuldige schrijf werk van de groote insertien bij de resol: met belofte dat dezelve egter zo spoedigmoge „lyk zullen volgen. — onder betuijging dat wij met diep ontsag zijnen blijven /:onderstond:/ stiel ordinarie /was get:d/ C: L: Senff, fr van de wall H. van Haveren I: A: Thierens, I: Boude„ „wijnsz: I: Challier en J:bk Fredriksz. /:in mar gine / Padang op Sumat:s west Cust den 25 aug„s 1760. — behalven 167 Van Sumat„s West Cust onder dato 25 ug:s 1760. Van Sumat„s West Cust onder dato 25' aug:s 1760 Batavia Mets dezen bodem de waaksaamheid hebbe„ het geluk uw Hoog Ed„s volgens factuur den hoofd Comptoire Padang aangerekend, ƒ2889: 11: te zen„ „den aan goud man: 180: 6- onc: rif 1084½ shail brt:s van 21½ Car„t of marg of 161: 22: Car„t 1½ gr: B„to anders ing: ff: 167: 1: — Car:s 8: gr: netto volgens extract rescl: van haar E: agtb den 7d:o a 378 / aangerekend benevens 20202: lb of 162 39/125: pic:s Peper met de Chialoup de Hasewind den 7 pass:o in stede van ballast in gegeven met dezen berekent is. — zijnde gem: Chialoup den 28 meij, met 93 pakken lijwaten hier g'arriveerd, wenschende dat zulke maar in afkorting der geeijschte 195 pakkn onder ult„o december 1759 mogen wezen anders in 4 a 5. maanden zullen verdebiteert zijn. wes halven 't restant met nevensgaand' nader eijschje dat nog hoogst nodig heb ootmoedight versoeke: zijnde bij tegenswoordige instantie soo pakken witte en 100 pakk br. bl. leijwadrt, om te zetten, blykens hiernevens gaande rende ment van 11 m=d ƒ 11508: 18: —. na aftrek Aan als voren. van risico ƒ29590. 8 of 30¾ pr C:t sch:t winst, De lasten van 10 maanden ƒ5559:4. — afgetrekken ƒ24037: 4:— reele winsten blijven dat nog in de aan staande 2 m:d augmenteeren zal verder in diepschuldigste b, antwoording uw Hoog Ed:s zeer gerespecteerde missive van 10 april hebbe de veere nedrigst te melden dat eene misvatting in de ƒ09543:6:8. maar ƒ23793: 14: 8: of 8 p„r C:o sch:s zoude gewoonnen zyn zulke zijn op ƒ658769 12: dof 37 p:r C:o ruijm gewonnen, dus deze inkoop met gem winsten te samen boven gem: ƒ09543: 6: 8: uijtmaken, zo dat Cust goederen 50„ bong„ 40:„ sourats 30 doormalderen geslagen 40 p:r C:o rendeeren, zulx maar 3 p:r C„s minder bedragen, woe gens eenige ongewilde en hoog aangereekende goede „ren, dewelke met de bevorens gepermitteerde 18 pC. s afzetten moeten, zullen tegenswoordig de prij„ „sen volgens uw Hoog Ed. s ordre gecalculeert en verkogt werden; tegenswoordig zullen zig de volke„ „ren eerder daar toe bequamen moeten als bevorens de Engelschen zo na bij waren en tot alle prijsen ver „kogt hebben, waar door zij zo wille keurig zijn geweest en mijnde variablen eijsschen veroorsaakt dat alle maal cesseeren en i geene klagten meer over slegte zoorten leijwaat nodig zijn zullen. van Bij

NL-HaNA_1.04.02_2994_0094 view scan ↗

English

From Sumatra's West Coast, dated 25 August 1750 From Sumatra's West Coast, dated 26 August 1760 Especially if His Highness the Emperor of Indrapura, Makuta, will be able to draw Mocca Mocca, which belongs under it, back to himself, as it was of old a dependency of Indrapura, most of the natives being very inclined to be allowed to come once more under their old protector, which to put into effect will support him as best as possible; regarding the village Panteij, having no map of Sumatra's east coast, I had to proceed solely upon the report of the natives, who did not state that it lies a 3 days' journey to the river Indragiri; therefore it was maintained, on occasion—as opposed to our west, called such east coast traders—who might be seen sailing to Palembang or Jambi, that capturing one or a pair of gunting would cause a great fright and hinder them; finally, my time expiring next year, having previously served 3 years in the capacity of bookkeeper and again 5 years as resident here in such an out-of-the-way post, and advancing in years, being no longer able to endure hardships, I have sent my petition to the Honorable Court for discharge, herewith very humbly beseeching Your Right Honorable for my relief to Batavia by the next ship; I have proposed a capable subject to their Honors in the bookkeeper Herman Ludewig, who is deemed capable of carrying on the work here. Wherewith I remain in all respect. Below stood: Ordinary title. Was signed: C: E: v: Seijfferth. In the margin: Airhadja, the 15 July 1760. Beneath it: P.S. The house carpenter Jan Christoffel Haerts, having completed his work, is returning herewith; he most humbly requests Your Right Honorable to be allowed to enjoy the wages for the time he performed such service. Lower: Further, after the closing and dispatching of this, my remaining stock consists only of: 4 packs Guineas medium bleached 8 packs Guineas broad bleached 4 packs Salempores medium bleached 5 packs Salempores broad bleached 8 packs Percalles, not being the varieties I requested 3½ packs Morees 1 pack Canarij succatoons broad bleached 1 pack Rumals checkered 31 Baftas sid: broad and narrow whole pieces 169 171 From Sumatra's West Coast, dated 26 August 1760: 9 From Sumatra's West Coast, dated the 2nd of June 1760. — Seen 2 packs blankets 1 pack Cassa burung 1 pack Guineas raw 4 packs Salempores, Percalles, Morees and sailcloth red Having a large monthly trade in this, I most humbly request speedy relief. Whereas, according to the letter of the 8 July from their Honors at Padang, a sloop was to arrive at the end of the month to take my gold to Pulau Cingku, whether it was melted or not, I therefore melted and packed it in haste; but not having arrived since, on the 15 August another mark 38, 5 carats, 4 grains net according to the weighing declaration, further calculated on the invoice at 14,848 florins, was packed in a separate small chest to be credited to the main office Padang for that amount. Was signed: C: E: van Seijfferth. — Whereas it has pleased Your Right Honorable to release me, upon my urgent request, via the capital to the Netherlands, and to nominate Your Honor as my successor in the management of the Company's administration and interests on this Coast, so have I, on the one hand in fulfillment of Your Right Honorable's reiterated order by letters dated 25 April, and on the other hand for Your Honor's greater convenience in handling matters, attentively focused my thoughts on everything that could achieve the objective in this matter, in order to leave for Your Honor in this little writing, by way of a brief demonstration of the Company's present condition on this Coast, under the name of a Memorandum. In which, however, Your Honor, both in political and mercantile Sir Memorandum to Mr. Christiaan Lodewijk Senff Commander over Sumatra's West Coast My successor. proven 1

Dutch transcription

Van Sumatras West Cust onder dato 25 aug„s 1750 Van Sumatras West Cust onder dato 26 aug:s 1760 Bijzenders als zijn Hoogheid D. Kaijser van Indra „poura Macuta en dat daar onder behoorende Mocca Mocca wederom aan zig zal trekken konnen als van ouds eene dependentie van Jndrapoura geweest zijnde de meesten Jnlan „deren zeer genegen wederom; onder haare ouden bescherm heer te mogen komen om zulx in 't werk te zetten hem best mogelijk ondersteunen zal, wegens de negorij Panteij, geene kaart van Sumatras oost kust hebbende moeste alleen op de relatie der Inlanderen 't werk gaan dewelke niet opgegeven dat zulke 3 daag reijsens aan de rivier Indragieri legt daarom sustineerde bij occasie /: tegens onse west zulke oost Cust vaarder genoemt:/ die na Palembang of Jambij, vaaren zien mogten een of een paar gonting te neemen een groten schrik causeeren en belet doen zoude; Eijndelijk aanstaande jaar mijne tijd g'expireert zijnde, bevorens al 3 Jaar in de qualiteit van boekhouder wederom 5 Jaar als onderz: hier op zo een komen plaats ge „legen tot mijne Iaren, komende niet meer tegen fateques kan, hebbe ik mijn request aan haar E: agtb. tot rendoij gezinden, met dezen nog uw soog Ed zeer ootmoetight smeeke met 't aanstaande schip om mijne verlossing na Batavia hebbe haar E: agtb een bequaam subject aan den boekhouder Herman Ludewig voorgeslagen dien in staat g'agt 't werkje hier konnen voort zetten waarmede in allen respect verblijve /:onderstond: Titul ord:r /was get:/ C: E: 4. Seijfferth /:in mar „gine / Adgerhadja den 15 July 1760 /:daar onder./ P S:r de huijstimmerman Ian Christoffel Haerts gedaan werk hebbende gaat hiernevens wederom terug; hij versoekt Uw Hoog Ed„s zeer nedrigst om de gagie te mogen genieten ten tijd hij zulken dienst gedaan heeft /lager:/ verder na 't sluijten en afzenden van dezen bestaan mijne restanten maar nog in 4 pak. guinees gem gebleekt 8„ _o br: bl. 4„ Salemp:s gem: gebl: 5„ _o br: bl. 8 „ percallen „ „ zijnde mijne g' eijschte zoorten niet 3½ „ moeris „ „ 1 „ Canarij succeatons br. bl: 1 „ Roemaals geruijte 31 Baftas sid: breede en smalle heele dezen verte : 169 171. Van Sumatas West Cust onder Dato 26 aug:s 1760: 9 Van Sumatras West Cust onder dato Den 2:e' Junij 1760. — gesien „ Wen 2 pak deekens 1„ Cassa boerongs 1„ guinees ruw 4„ salemp:s, perecallen, Moeris en zeijldoek roode Een groot maand negotie daar aan hebbende ootmoedigst om spoedige ontzet versoeke Terwijl volgens aanschrijvens den 8 Julij van haar E: agtb: tot Padang eene Chialoup onder ult„o ko: „men zoude mijn gout na P„lo Chinco te brengen het was gesmolten of niet, zo hebbe in haast zulx gesmolten en ingepakt, maar zedert niet gekomen zijnde, den 15 aug:s nog mig: ff. 38: 5 Car:t 4 gr: natto volgens weeg verklaring bij factuur naarder aangerekent ƒ14 848: —: in een apart kistje afgepakt om daar voor 't hoofd Compt: Padang gecred:t te werden /was getd:/ C: E: van Seijfferth. — Aangezien het Haar Hoog Edelens behaagt heeft mij op mijn instantig versoek over de hoofdplaats na nederland te verlossen. En uw Ed: tot mijnen vervanger in 't bestier van 's Comp:s omslag en belangens ter dezer Custe te nomineeren. zoo heb ik ter Eenre, in voldoening van haar hoog Edelens Gerenereerde ordre bij brieven de dato 25:' april, ten aandere tot uw Ed: meerdere faciliteijt in de behandeling der zaken mijne gedagten met attentie gevestigt op al het gunt het oogmerk in deeze soude kunnen bereijken om bij wijze van een korte de„ monstratie van 'sComp: tegenwoordige gesteltheijd ter dezer Custe uw Ed:e in dit schriftuurtje onder den naam van een Memorie na telaten. Waar in egter uw Ed:e zoo in 't politicque als mercantieele Mijn Heer Memorie aan den Heer e Christiaan Lodewijk Senff Commandeur over Sumatras west Cust Mijnen vervangen. beproefde 1

NL-HaNA_1.04.02_2994_0096 view scan ↗

English

173 From Sumatra's West Coast, dated the 25th of June 1760. From Sumatra's West Coast, dated the 2nd of June 1760. — proven knowledge and experience, permitted me to be all the briefer and merely touch upon the matters, the more so as I do not doubt that this compendious and imperfect style will be held in the best regard by me, when, reviewing the earlier papers, it is taken into consideration what conflicting concepts were born through the different considerations committed to paper by various persons concerning all that could be done for the welfare of the Company; and indeed in particular how, as the sole objective of the Company's establishment here, the languishing trade could best be revived, for which purpose various measures have already been instituted, such as the letters of 20 April 1751, 10 April 1753, and the replies received thereto on 30 September 1753 and 16 August 1753, and furthermore my regulation, approved by Their High Nobles' wiser disposition, regarding the abolition of free navigation, broadly dictate; to which, added the present evacuation of the English nation, our continuous cancer in trade as well as otherwise, causes me to depart with not unfounded hope that, the root of decay having been eradicated, recovery will also, under God's blessing, soon follow: but to which, on the one hand, not a little, indeed most of all, will facilitate a faithful adherence to the trade orders successively sent and wholesome from the Lords and Masters as well as Their High Nobles to the cloth-providing offices; and on the other hand, here on the Coast, where trade is carried on by daily buyout and sale, a strict watch must be kept, and particularly with respect to the present Resident of Adjarhadja, who has not seldom, and indeed until now, traded according to his own inclination; namely, that trade all around must be carried on with equality of prices, which will prove all the easier once, in the course of time, the extensive lending out on credit has been brought to a cease, primarily among the so many distributed across the barong-barongs, whereby, although sufficiently secure, capitals lie interest-free, and trade could not be continued without significant concern. Lastly, I do not doubt that those who have knowledge of the condition of this Coast will also gladly admit to me that, if this recently instituted measure is to be practiced with success, smuggling trade must above all be zealously prevented, for which, in addition to the two sloops that Their High Nobles have assigned to this Coast, and of which one should find its employment in cruising, while the other will have enough to do with collecting the Baros or northern products, 175 From Sumatra's West Coast, dated the 25th of June in the year 1760. — From Sumatra's West Coast, dated the 2nd of June 173. products, a further 2 to 3 tambangs are most highly necessary, in order to search, under the protection of such a cruising sloop and sailing close along the shore, every nook and cranny where the sloop cannot go. Yet, since Your Honour's expertise in all these matters will bring to your attention whatever could be communicated to you regarding this, my heart will always rejoice to hear that trade (which might now perhaps still remain depressed for a short time due to the manifold goods captured by the French from the English and sold on all sides at scandalous prices) reaching its flourishing state, may cause its profits to rise far above the expenditures, which, due to the extent of the Company's establishments along this Coast and their necessary garrison, have until now almost always tipped the scale; and thus, in order to support the profits of certain places that must make up for the general expenditures, on the one hand the practice of the always so highly recommended economy is necessary, and on the other hand, though somewhat arduous in the beginning yet not entirely without hope of success, will be a continuous encouragement of the natives toward the cultivation of pepper, by bringing to their attention their poverty, under which they will always have to suffer unless they pursue their initiated work with a cheerful zeal; for those who have no gardens, to appropriate the same from otherwise fallow lands, at the same time convincing them that by putting their hands to work for just a short time with no less patience than zeal, they will soon be relieved of the heavy yoke of poverty and enjoy double the fruits of their troubles and expenses, which is also just as undoubtedly true as the fact that once these have reached their proper fertility, they will simultaneously be found to be the source from which, particularly for the Company's welfare, an increased influx of gold will be derived. Particularly, therefore, in so weighty a matter, attention must be directed to the petty princes and regents, and their daily conduct, so that everyone in their work or delivery, however small the quantity may be in the beginning, may be shown all facility and friendliness, and not be disturbed or hindered by manifold disputes that might well be unearthed regarding the ownership of land or fields under this or that pretext, but on the contrary, most of them having begun their labour on waste, idle lands, such persons should also be maintained in bona fide possession. Having nothing further to report to Your Honour regarding this point that could serve for any information, I would here

Dutch transcription

173 Van Sumatras West Cust onder dato Dden 25:' Iunij 1760. Van Sumatras West Cust onder dato den 2:' Junij 1760. — beproefde kunde en Ervarentheijd, mij gepermitteerd deste kor„ ter te sijn ende saken als maar even aan te roeren te meer ik niet en twijffele deeze Compendieus en onvolmaakte steijl mij sal ten beste gehouden werden als de vroegere papieren nagaande in aanmerking komt wat strijdige Concepten door de differente Consideraties door deze en geene # omtrend ten papiere gebragt sijn gebooren geworden al het geene ter welvaart van de Comp=ie soud kunnen Gedaan wer„ den; En wel in 't sij sonder hoe men als het eenigste oogwit van 'sComp:s Etablisement alhier den quijnende. Handel ten beste soud kunnen op beuren waar toe al diverse aangestelde middelen als de brieven van 20: april 1751: 10: April 1753. en dies ontfangene re„ scriptie van 30: 7ber: 1753: 16: aug:s 1753. en I„o nog mijne bij haar hoog Edelens wijzer dispositie geapprobeerde dispositie tot het afschaffen der vrije vaart in den breede dicteeren waar bij gevoegt de ontruijming thans der Engelse natie onse continueele kankers in handel als andersints mij ook met geene ongefundeerde hoop doet vertrekken dat den wortel van verval uijtgeroeijt ook onder Godes Segen wel haast het herstel sal volgen: Dog waar toe aan de eene kant niet weijnig, Ia. o wel het meeste sal faci„ liteeren een trouwe opvolging van, so Heeren en M=rs. handel als Haar Hoog Edelens successive gesondene en heijlsa„ me ordres naar de Lijwaat gevende Comptoiren, en aan de andere kant hier ter Custe waar den handel bij dagelij„ xen uijtkoop en verthier gedoeven word een nauwkeurig dog te houden en wel in 't bij sonder ten opzigte der tegens= woordigen Resident van adjarhadja als die niet selden en wel tot heden toe daar mede nog na sijn sinnelijkheijd gehar„ delt heeft dezelve te weeten den Handel Rondsomme met Equaliteijt van prijsen gedaeven werden 't gunt des te gemakkelijker sal vallen als men door den tijt het veel uijtborgen op Credit sal hebben doen Cesseeren voor„ nameentlijk onder de so veele op den baarong barrong verdeelt, waar door of schoon genoegsaam secuua, Capitalen renteloos leggen en niet sonder merke„ lijke zorg den Handel zoud kunnen voortgeset werden. Laastelijk twijffele ik niet of die kennis hebben van de gesteltheijd dezer Custe, sal mij ook gaarne aroueeren, dat, sal dit Jongst gemaakte middel met succes geprac„ tiseerd werden, den smokkel handel boven al met ijver dient geweert te werden, waar toe behalven de twee Chia„ loupen die haar hoog Edelens voor deze Cust gestelt hebben. En waar van den eene wel tot kruijsen dient sijn Emplooij te vinden Terwijl den andere genoegte doen sal hebben met den afhaal der Barosse of noorder als Producten 175 Van Sumatras West Cust onder dato Den 25:' Junij A„o 1760. — Van Sumatras West Cust onder dato den 2:' Junij 173. Producten, nog 2: â 3: tambangs ten hoogste noodsakelijk sijn om onder bescherming van sodanig een kruijsende Chia„ loup mede gaande digt onder dewall alle hoeken en gaaten waar den Chialoup niet komen kan te door snuffelen. Edog uw Ed„e kunde in alle deese materis onder 't oog sullende brengen 't guntuw dies aangaande soude kun„ nen bedeelt werden, sal mijn herte sig altoos verheugen te verneemen den Handel (:die thans nog wel een korten tijt misschien zoud kunnen gedrukt blijven door de me„ nigvuldige goederen door de franse van de Engelse genoo„ meen en aan alle kanten tot schandeleuse prijsen verkogt:/ tot haaren florisanten staat gezakende haare winsten verre mag doen steijgeren boven de lasten, die door de uijtge„ strektheijd van 'sComp„s Etablissementen ter deser Custe en dies nodige besetting tot heeden meest altoos de schaal heeft overgehaalt, En dus om de winsten van sommige plaatsen die de generaale lasten moeten goedmaken te onderschragen, # kant nodig is, de betragtinge van de altoos zoo zeer aan de eene ^ gerecommandeerde Menage, en ten anderen in den beginne wel wat lastig maar tog niet geheel sonder hoope tot Effect sal sijn een geduurigen aanmoedi„ ging der Jnlanders tot de. Peper Cultuure door onder 't oog brenging hunner armoede waar onder altoos sullen moeten Lugten ten zij met eenen lustigen ijver hun begonnen werk vervolgde; die geen thuijnen hadde uijt anders braak leggende Landen deselve te approprieeren teffens hun te overtuijgen, zij dus maar een weijnig tijts met niet minder gedult als ijver handen aan 't werk slaande wel haast van het swaare sock der armoede ontslagen dubbelde vrugten van haare moeijten en kosten smaken sullen, 't geen ook even so ongetwijffeld waar is als dat deselve tot haare regte vrugtbaarheijd gekomen, teffens als de source waaruijt in 't bij sonder 'sComp:s welvaart ook een meerder toevloed van goud sal gevonden werden. Insonderheijd dient derhalven in een so gewigtige saak de attentie gevestigt te werden op de vorsjes en regenten, en hunner dagelijx en wandel, op dat een ijder in zijn werk of leverantie hoe gering ook in den beginne den quantiteijt mag sijn, alle faciliteijt en vrindelijkheijd werden aangebragt, niet gestoort of gehindert werden door veelvuldige disputen die omtrent Eijgendom van Land of velden onder dit of dat pretext wel soud kunnen opgedolven worden, maar integendeel (: 't meestendeel op woeste ledig leggende Landen den arbeijd begonnen de zulke dan ook in de bezitting bona fide gemainctineert werden. Niets dan dat tot eenig narigt zoud konnen uw Ed:e omtrend dit poinct verder te melden hebbende, soud ik die hier

NL-HaNA_1.04.02_2994_0098 view scan ↗

English

From Sumatra's West Coast under date the 25th of June 1760. From Sumatra's West Coast under date the 25th of June in the year 1760. could add here an indication of the places where and by whom the pepper gardens are cultivated, but for brevity's sake I refer in this regard to the survey of the gardens, trees, and cuttings, and comport myself with respect to the Company's Residencies concerning the servants assigned to this main and subordinate offices, the troops stationed there, cannon, powder, and ammunition according to the list concerning this main office annexed hereto, and with respect to the outer offices to the letters already received from the same. While, concerning the matters advanced by the native, it is high time to draw some already half-estranged peoples at the northernmost part of this coast somewhat closer to the Honorable Company, in particular to renew the already half-forgotten contracts with those of Cinkiel, to which end a commission was already dispatched in the month of February of this current year, but due to the then necessity of retaining that chaloup was called back again. However, having since been more closely informed that the beaches of those peoples are kept almost entirely in possession by Achinese, governed by a so-called Governor who levies toll on all incoming and outgoing goods, even if the goodwill of the natural owners and regents toward the Company were good, such a renewed contract would nonetheless be of little fruit as long as they, stooping under another's yoke, remain unable to fulfill the principal article, namely to deliver to the Honorable Company all their products, the quantity of which in camphor and benzoin, being the best of their kind on the coast, is by no means to be despised. For which reason, in my opinion, it is well worth the trouble to tackle this matter in earnest, and before resorting to more forceful means, to confer with the King of Atchien in friendly yet clear terms, since his name is used not only by the aforementioned tyrants at Ciekiel, but also by all that roaming rabble that around the north in the districts of Baros, Tappianolij, Surcam, and elsewhere continually causes disturbances and robs the inhabitants of their goods on one or another far-fetched pretext, just as they have also hitherto had a settlement in Natter named Campong Malacca, which they founded when they usurped authority over that land. I hope it will not weary Your Honor's attention that I, tracing these northern places such as Natter, Tappianolij, Baros, and Surcam from a somewhat earlier time, endeavor to give Your Honor an all the more distinct idea of the natural From Sumatra's West Coast under date the 25th of June 1760. From Sumatra's West Coast under date the 2nd of June 1760. the peoples, form of government, disposition, and products around the north. Thus then, starting with Natter, the same is a region situated fully halfway between here and Baros, divided into several settlements, and is, much like all the other places up to Baros, yes even including Cinkiel, inhabited by two kinds of peoples, most of whom from of old each had their head Ponghoulou who were confirmed by Radja Baros, in token of which supremacy they were obliged to send him an homage by way of tribute yearly until about the year 1728. At that time, encouraged by the capture of a well-mounted English brigantine under Pulau Iaman, as well as by their successful smuggling trade, they broke out into such extremities that, proceeding from one act of violence to another in the year 1734, when Radja Darat, brother of the late Dato Bazaar de Jang Dupertuan, came to help in the war against Baros, they finally, under the pretext of a parley to conclude peace, pitifully murdered Radja Baros. Since which time, having refused to hear of any subordination whatsoever, some damage has indeed now and then been inflicted upon their trade, but not enough to bring them to reason, until, finally becoming apprehensive of the growth of the Achinese, they in the year 1751 called in the English for their protection. The English having now vacated the same again, it might perhaps still take some time before the thought of the return of that nation has disappeared and tranquility there has been restored to such an extent as to cause the hillman to come to market with his gold. The legitimate chief regent, Bagindo Maharadja Lello, who stayed for so long at Aijerbangias—who is indeed a worthy, honest-minded man toward the Company, but at the same time a simple, innocent man—having been reinstated. While the just-mentioned Radja Darat, who now also seems to have come to his senses, perhaps out of fear of the Achinese, or because most inhabitants are genuinely well-disposed toward the Company, well deserves that a sharp eye be kept on him. The government or native assembly there consists of the two aforementioned Head Ponghuls, the one over the coastal people and the other over the mountain peoples, alongside the so-called Orang Touas: Radja Moudo of Padang under the name of Southan Bancahoulou, Radja Macautoe of the Sapoulou Boa Bendaharas, and Sinaro Panjang of Aninang Cabou. reason Tappianolij 1

Dutch transcription

Van Sumatras West Cust onder dato den 25:' Junij 1760. — Van Sumatras West Cust onder dato Den 25:' Junij A„o 1760. — hier nog wel bijvoegen een aanwijsing der plaatsen waar en door wien de peperthuijnen bebouwt worden dog refereere mij kortheijds halve dientweegens aan den op neem der thuij„ nen, boomen en stekken en gedrage mij ten opsigte van 'sComp:s Residenties omtrent de op dit hoofd- en onderhori„ ge Comptoiren bescheijdene dienaren de aldaar leggende manschappen, geschut, kruijt en amonitie na den lijste dit hoofd Comptoir betreffende hier agter geannexeert en ten opsigte der buijten Comptoiren aan deselve reets ontfangene brieven. Terwijl ter zaken van den. Inlandert geadvanceert het hoog tijdig is de sommige reets half vervreemde volkeren aan het noorde lijkste gedeelte dezer custe wat nader aan d'E Comp=nie te trekken in 't bijsonder met die van cinkiel de reets half in 't vergeetboek geraakte Contracten te hernieuwen ten welken eijnde reets in de maand fe„ bruarij deses loopende Jaars eene Commissie gedepecheert dog om de doemalige noodsakelijkheijd tot het aanhouden van die Chialoup weder te rug geroepen is, Egter 't ze„ dert nader van nabij g'informeert sijnde de stranden dier volkeren genoegsaam geheelijk in bezitting gehou„ den worden, door atchienders geregeert door eenen soo genaamden Gouverneur die van alle in en uijtgaande goederen Thol heft zoude of schoon de willen der natuurelijke Eijgenaars en regenten tegens de Comp=ne goed was, een dus hernieuwt Contract evenwel van wijnig vrugt sijn zo lange zij onder eens anders Jock bukkende buijten staat blijven het voornaamste articul na te komen na„ mentlijk alle hunne producten welx quantiteijt in Cam„ phuren benzuin in hun zoort de beste van de Cuijst gantsch niet te veragten is aan d'E: Comp: te leveren weshalven mijn bedunkens wel de moeijte waardes die zaak met Ernst aan te tasten en alvorens tot krag„ tiger middelen te komen in vriendelijke dog verstaan„ baare termen den koning van atchien te onderhouden als welkers naam niet alleen gebruijkt word, beij evengem: geweldenaars op Ciekiel maar ook door al dat swervend geboefte dat om den noord in de distric„ ten van Baros Tappianolij Surcam en Elders geduurige onkusten verwekt en de Jngesetene op deese of geene gesogte pretensien van haare goederen beroofd gelijk zij ook meede tot nog toe een negorie gehad hebben in natter genaamt Campong Malacca die sij gestigt heb„ ben toen zij sig het gebied over dat land aanmagtigde; Het sal uw Ed„e attentie soo ik hoop niet verveelen dat deeze noordelijke plaatsen als natter Tappianolij, Baros en Surcam eens van wat hoger ophalende uw Ed„e een des te distincter ide tragten te geven van natuurelijke de Van Sumatras West Cust onder dato den 25:' Junij 1760. Van Sumatras West Cust onder dato Den 2:' Junij 1760. de volkeren regerings form, gesindheijt en producten om den noord dus dan met. Natter beginnende is het zelve een landstreek ruijm half dweg dit en Baros gelegen verdeelt in verscheijde negorienen werd meest gelijk al de andere plaatsen tot Baros Ja selfs Cinkiel ingeslooten door tweederlij volkeren bewoond, die meestendeele van ouds ijder hun hoofd Ponghoulou hadde die door Radja baros wierden bevestigt ten teken van welken opperhoofdigheijd sij tjaars ver„ pligt waren hem een hormat bij wijse van een tribuit te senden tot omtrent den Jaare 1728. wanneer sij aange„ moedigt door 't veroeveren van een wel gemonteerde En„ gelse brigantijn onder P=lo Iaman mitsgaders door hunne gelukkige smokkelhandel tot die Extreamiteijten kwamen uijt te barsten, dat sij van de eene geweld„ pleging tot de andere overgaande in den Iaare 1734. wanneer Radja darat broeder van den voor eenige i aan den overleedene dato bazaar de Jang dupertun angs in den oorlog tegens Baros te hulp schoot Eijndelijk Rradja baros onder scheijn van een mond gesprek tot het treffen der vreede Jammerlijk vermoorden, zedert welke tijt sij geheelijk van geen subordinatie hebbende willen hooren sij wel nu en dan eenige schade in hun handel zijn toegebragt, maar niet genoeg om hun tot reeden te brengen tot, dat zij eijndelijk bedugt wordende voor den aangroeij der atchienders in 't Jaar 1751. de Engelse tot hun bescherming hebben ingeroepen die thans het selve weder geruijmt hebbende het misschien nog wel eenige tijt soud kunnen duuren eer de gedagten der terug komst dier natie verdweenen en de rust aldaar in soo verre herstelt, zal sijn, om den bergman met sijn goud te doen ter markt komen, zijnde den solange te aijerbangias sig opgehouden hebbende wettigen hoofd regent Bagindo maharadja lello /:die wel een braaf eerlijk geintentio„ neerde voor de Comp: maar teffens een Eenvoudig onno„ sel man is:/ herstelt., Terwijl den even aangehaal„ de Radja Darat die thans mede scheijnt tot inkeer gekomen te sijn uijt vreese misschien voor de atchien„ ders dan wel de meeste ingezetene de Comp: aesentlijk geneegen sijn wel verdient een scherp oog in't zeijl ge„ houden te werden. De Regering of Inlandse vergadering bestaat daar uijt de twee gemelde Hoofd ponghuls den eene over het strandvolk en den anderen over de berg volkeren benevens de zogenaamde orang Touas, Radja moudo van Padang onder den naam van Southan Banca houlou Radja macautoe van de Sapoulou boa bendkaars en sinaro Panjang van aninang cabou. — reeden Pappianolij 1

NL-HaNA_1.04.02_2994_0100 view scan ↗

English

From Sumatra's West Coast under date the 2nd of June 1760 From Sumatra's West Coast under date the 25th of June Anno 1760. Tappianolij, notwithstanding that the king or Radja Mataga appointed by the English still has much influence there, is currently ruled by dato Poras under the higher authority of the radja baros, whom he recognizes as his sovereign, having been appointed in the year 1755 in place of the deceased Radja Simorang, who had alienated this country from the Company in anno 1740 due to the circumstance that an assistant, Pieter Le Fort, was murdered by the Bataks because of his committed outrages. In Surcam, only half a day's journey from Baros, radja baros likewise appoints a head regent who must then also address himself thither in everything that occurs; the present head regent there is radja boukiet, who is a cunning fellow and of Acehnese descent, but who stands somewhat too much upon the hormat given to him by Mr. Herzeele, the late, as an invitation to inflict damage upon the English in natter, which expectation he has however little fulfilled, and nonetheless stands so firmly upon this hormat given to him that complaints on this account have already frequently come from the king of baros; wherefore, while his movements certainly ought to be watched as a restless person, he must nevertheless be kept in the interests of the Company; he also cannot get along well with Panglima Radja amat, who is indeed only a merchant, but even now, because of his wealth and large following, does not gladly wish to stand under others. The benzoin gathered here is brown and poor, whereas on the other hand Tappianolij delivers much white benzoin, though little camphor, and whether this last-mentioned place, Tappianolij, could indeed be dispensed with in regard to products, that place is nevertheless so well situated for the housing of the English or other smuggling parties that, absolutely, a garrison must be placed there to prevent such. Because of the proximity and the gums, it is also not bad that the same be subordinated under the resident of baros, but saving all due respect to Your Right Honourables' disposition in this regard, there are many reasons that concur to make me believe it would be most convenient if natter were directly subordinated under this main office, and that principally because all its demands and necessities, and in time of need direct from here, will have to be satisfied, and he can just as quickly give the necessary assistances of one thing and another to here as to baros, where the resident would after all have to await the disposition of Padang in everything beforehand, whereby a double time is lost and the paperwork would multiply still further. 183 From Sumatra's West Coast under date the 2nd of June 1760. — From Sumatra's West Coast under date the 25th of June 1760. The necessity that natter remains with the Honourable Company no one will deny who has even the slightest local knowledge of the Coast, for although with that place itself, or the trade carried on or to be conducted there, it will perhaps not very precisely meet the objective in profits, it is nevertheless certain that, the English being kept away and the smuggling trade being vigorously countered, the same will finally have to be found in the general mass if the inhabitant of the lands wishes to clothe himself, wherefore they will then necessarily have to come to market either at baros, natter, or indeed here; which expectation, through another stay of the English in one of the said districts, we would not only see completely cut off, but even, because they always market far below us, step by step still rob us of what one has, of which the beginnings have already been seen; it is therefore well worth the trouble to maintain a district of so much weight and to resist with force the enterprises of the English, who without doubt, as soon as their hands are only somewhat freer, will possibly venture another attempt again; but if such is to be done, the reduction and retrenchment will also necessarily have to be set aside for a time, and Your Right Honourables then also provide these offices with the necessary men, ammunition, vessels, and what else is required, as besides the damage and affronts that would result from the contrary, the native moreover becomes completely averse to the Company, already reasoning at times: what shall the Company protect us, it does not do so to itself! In Passemang I have nothing else to bring to your attention than the head regent southan kinelij, who, although he currently keeps quiet, must nevertheless be kept in sight as a very restless person, who with the Danau people and others has already at different times disturbed this and that of the Company's allies in their villages, wherefore the Post Ticou will necessarily have to be maintained and a good garrison kept at Priamang, both to keep this man in check and also to prevent the illicit dealings to which those peoples round about there are very inclined. To the south, one might say everything is at rest, if the stubborn, fractious Sungipagu person

Dutch transcription

Van Sumatras West Cust onder dato den 2: Junij 17432 Van Sumatras West Cust onder dato Den 25:' Junij A„o 1760. Sappianolij niet tegenstaande daar nog veel in te brengen heeft de door de Engelse aangestelde koning of Radja Mataga, werd thans bestierd door dato Poras onder het hoger gesag van den radja baros, dien hij als sijn souverien Erkent is aangestelt in 't Jaar 1755. in steede van den overleeden Radja Simorang die dit land in a„o 1740. van de Comp=ie vervreemt had bij toeval dat eenen adsistent Pieter Le Fort door sijn gepleegde baldadigheeden door de batassers vermoord wierdt in. Surcam maar een halve dag reijsens van Baros stelt radja baros insgelijx een hoofd regent aan die sig dan ook in alles wat voorvalt waarderwaarts addaes„ seeren moet; Den tegenswoordigen hoofd regent aldaar is radja boukiet dat een slimmen gast en atchiender van afkomst is dog die wat al te veel staat op den Hormat hem door den Heer Herzeele /:zaliger:/ gegeven tot aannodiging om de Engelse in natter afbrouk te doen, aan welke verwagting hij egter wijnig voldaan heeft, en des niet te min so stijf staat op deeze hem gegevene hormat dat dieswegen al dik„ wils klagten sijn gekomen van den koning van baros weshalven hij terwijl sijn gangen wel dienen magt genomen te werden als een onrustigen evenwel in de belangens van de Comp: dient gehouden te werden hij kan sig ook niet wel accordeeren met Panglima Radja amat die wel maar een koopman is maar nog thans om sijn rijkdom en grooten aan Tlang niet gaarne onder anderen wil staan. De Benzuin die hier valt is bruijn en slegt daar en tegen Tappianolij veel witte benzuin levert dog wijnig Camphur en of deeze laastgemelde plaats Tappianolij ten aanzien der Producten wel soud kunnen gemist worden is die plaats egter so wel gelegen tot huijs ves„ ting der Engelse of wel andere smokkel drijvende par„ thijen dat daar absolut om sulx te verhinderen een be„ zitting dient te leggen. om de na bij gelegentheijd en de Gommen is het ook niet quaad het selve onder der resident van baros gesu„ bordineert sij maar behoudens alle schuldige respect aan haar hoog Edelens dispositie ten dezen op zigte sijn er veele reedenen die te samen loopen om mij te doen geloven het gevoegelijkste waare natter direct onder dit hoofd Comptoir gesubordineert was, en wel voornament„ #f dog direcd van hier sullen moeten voldaen werden lijk om dat alle sijne Eijsschen en benodigtheeden, en bij tijt van nood hij also ras na herwaards van 't een en ander de nodige adsistenties kan geven als op baros alwaar den resident tog in alles bevorens de dispositie van Padang zoude moeten afwagten, waarmede een kan dubbelde e 183 Van Sumatras West Cust onder dato den 2:' Junij 1760. — Van Sumatras West Cust onder dato Den 25:' Iunij 1760. dubbelde tijt verlooren gaat en 't schrijfwerk nog meer soude vermeenigvuldigen. De nootsakelijkheijd dat natter aan d'E: Comp: blijft sal niemant ontkennen die maar eenige de minste locale kennis van de Cust heeft, want of schoon soo seer Juist met die plaats selfs of den aldaar gedae„ ven of te drijvene handel aan het oogmerk inde winsten misschien zal voldoen, is het egter gewis, dat de Engelse geweert en den smokkel handel met rigeur te keer gegaan werdende deselve ten laasten in de generaale massa sullen moeten gevonden werden sal den bewoonder derlanden sig kleeden willem waarom sij dan noodwendig, 't zij op baros natter of wel hier sullen moeten ter markt kor„ men welke verwagting door een andermaal verblijf der Engelse op eene der gemelde districten ons niet alleen geheelijk afgesneeden zoud zien maar selfs door dien deselve altoos verre onder ons markten als taapsgewijsen nog beroven van het geen men heeft waar van de beginselen bereijds gezien sijn ver:dns wel de moeijte waard een district van soo veel gewigt te mainctineeren en met kragt de entriprieses der Engelse die sonder twijffel so dra de handen maar wat ruijmer hebben andermaale een tentame # mogelijk sullen wagen, tegens te gaan, dog sal sulx gemaakt der maakt werden zal ook noodsakelijk de reductie en ne„ nage voor een tijt ter zijde gestelt dienen te werden en Haar Hoog Edelens deeze Comptoire mede dan van nodige mansz: amunitie vaartuijgen en wat dies meer is voorzien wat behalven de schaade en affronten die uijt het tegen overgestelde souden resulteeren werd den inlander boven dien ook geheelijk avers van de Comp: als bereijds al somtijds redeneerende wat sal de Comp: ons beschermen sij doet het zig zelfs niet ! in Passemang hebbe ik uw Ed:e niet anders onder het oogte brengen als den hoofdregent southan kinelij die schoon sig thans stil houd egter in't oog dient ge„ houden te werden, als een seer onrustige, die met de Dannauwers en andere al differente keeren deeze en Geene van 'sComp: bondgenoten in hunne negorien heeft ontrust, waaromme de. Post Ticou noodsakelijk sal dien aangehouden en op Priamang een goede besetting gehouden te werden soo om deesen in den teugel te houden als ook om de morserijen waar toe die volkeren daar omstreeks seer genegen sijn te beletten. Om de zuijd, zoud men konnen zeggen alles in rust te zijn, indien den koppigen wreeviligen songipagounees Sullen /:een

← previousnext →