VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3196

Bengal · 574 pages · 285 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3196_0048 view scan ↗

English

the 27th of January the 27th of January yet the request made by vanderstam and that granted to the skipper of Ysselmonde in the margin. Secretary of this assembly Jacob Eilbracht, having submitted a petition, the former to transfer some pay accounts of the said chest, and the other likewise a number of his own pay accounts, to be paid out in Europe; it was agreed to grant this to both, concerning the latter on the condition that, upon examination, nothing objectionable is found thereon. On the other hand, it was resolved to deny the request made by petition by the Captain Lieutenant and provisional Master of Equippage Cornelis van der Stam, namely to be allowed to enjoy the 2½ percent write-off granted by the General Regulations on the 100000 lb. of pepper transshipped without short-weight from the ship Welgeleegen, commanded by him, into the Oranjezaal, given that the assembly judged that what is validated for write-off under the aforementioned Regulations only pertains to goods transported within the country or from the main establishment to an outer factory, and from the latter to another place, and not to cargoes that must be delivered in Europe, as nothing is credited to nor charged against the officers in that regard upon their arrival. And although without reflecting on this at first, and thus erroneously on the 19th of October last, this was granted to the skipper of the ship IJsselmonde, and the officers of that vessel were favored with 2½ percent on the pepper transshipped from that vessel into the four other return ships, it is nevertheless resolved that what the said officers were credited for this on their pay accounts shall, on this occasion, be credited to the main establishment on a debit invoice, the 27th of January the 27th of January Resolution to sell the spoiled beverages at public auction. The burgher Blume granted passage to Batavia. The Master of Equippage v: Stam to provide a report regarding what was unloaded in the year 1764 from Schoonzigt in the way of leagers. in order to be refunded by them, subject to the approval of Their Right Excellencies. It having also been resolved at the said session to write off the spoiled beverages received in the pantry here from the last-mentioned vessel, consisting of: 1 half leager of French wine and 1 aam of Cape wine, it is, seeing that at an auction something might still be bid for it by someone, now decreed to sell the same publicly when convenient. Furthermore, on the request made by petition of the burgher Jan Carel Lodewijk Blume, it was resolved to grant him passage to Batavia on the ship Welgeleegen, provided he pays the freight money and defrays his own expenses without cost to the Company. During the drafting of the aforementioned general description by the Director, it having been discovered that the marginal disposition made on the 26th of August last on an extract debit invoice dated the 18th of June prior—concerning the lightening of a piece of mizzen shroud, item two full and eleven half leagers from the ship Schoonzicht by the Master of Equippage Zuijdland, who should then have elucidated the assembly regarding this matter—had not been complied with or, due to his continual illness and subsequent death, was never reported upon; and seeing that, in order to make the administrators account for those goods, one needs to know whether they were delivered here and who received them, it was approved and agreed to demand a report from the present provisional Master of Equippage Cornelis van der Stam, who at that time, or in the year 1764, commanded the aforementioned ship, demonstrating that the items were truly shipped off and received here. the 27th of January Points of response to Kassembazaar. The mint. As well as paying the suppliers of silk fabrics and linens approved. The said advance to the corporal coming down with saltpeter approved. The sending of silver to the mint. Together with a letter from the Chief and the Council at the factory mentioned in the margin, dated the 14th of this month, there was received a report from the ordinary commissioners Daniel François De Barij and Jacques Benoist, showing that on the two bars of ingot silver from the cargo of the ship Welgeleegen, which was sent thither for minting pursuant to the resolution of the 23rd ultimo, a short-weight of 10 engels was discovered, but all the rest were found to be of full weight; thus it was agreed to note here that notice thereof will be given to Their Right Excellencies in the letter to be dispatched with the abovementioned vessel, with the report enclosed, and furthermore to approve the sending of 662 bars to the mint. It was also resolved to approve that the employees paid the suppliers of silk fabrics and linens for Europe and the Cape the balance of their accounts, and thus disbursed: On the fabrics: ƒ 37552:17:8 On the linens: ƒ 13567: 6:8 or in total: ƒ 51120: 4:4. The saltpeter of which mention was made in the resolution of the last day of last month, having been helped over the shallows at Jellingij and proceeded downriver, but having encountered shallow water again below Balitongie, so that the vessels could not pass over it and the corporal who is bringing the same down was forced to lighten them, and to that end to hire some other vessels, for which the employees, at his request, had given him 300 Sicca Rupees or ƒ 472:10, the 27th of January furthermore

Dutch transcription

82 83 den 27:e Januarij den 27e Januarij dog het door vanderstam gedaan optregt en 't aande schipper van Ysselmonde geaccordeerde ten. secretaris dezer vergadering Jacob Eil= „bracht, bij Request verzoek gedaan zijn „de, de eerste om eenige soldij Reeke„ „ningen van gem„ kist, en de andere om insgelijx een partij van zijn eige soldijreekeningen, te mogen overmaa¬ „ken om in Europa afbetaald te wor„ „den; is verstaan zulx aan beide te ac„ „cordeeren, omtrent den laastgem„ onder die mits, dat daarop, bij Exa„ „minatie niets word te zeggen ge= „vonden. Daar en tegen is beslooten te ont„ „zeggen, het bij Request gedaan ver= „zoek door den Capitein Lieutenant en p„l Equipagiemeester Cornelis van der Stam om namentlijk te mo¬ „gen goudeeren van de bij het gene„ „raal Reglement g'accordeerde 2½ pC=t afschrijving, op de uit het door hem gevoerde schip Welgeleegen in de Oranjezaal zonder minwigt overge¬ „scheepte 100000 lb. Peeper, aangezien. de vergadering oordeelde, dat het geen bij het voormelde Reglement ter afschrijving word gevalideert, maar ziet op de waaren, die binnen 's Lands ofte van de Hoofdplaats naar een bui= „ten kantoor, en van deze naar een an„ „dere plaats vervoerd, en niet op de Ladin„ „gen die in Europa moeten uitgeleverd worden, dewijl de overheeden daar om¬ „trent, bij hun arrivement, niets ten goede nog ten lasten gebracht werd. En alhoewel men zonder hier op eersten dat, aan te rekenen te reflecteeren en dus abusive op den 19„e 8ber Hleeden, den schipper van het schip IJsselmonde, zulx heeft ge¬ „accordeert, en de overheeden van dien bodem gefavoriseerd met 2½ pC=t op de Peeper die uit dien bodem in de vier andere retoerscheepen is overgescheept, is echter geresolveerd om het geen de gem„e Overheeden daar voor bij haare soldijreekeningen ge¬ „crediteerd zijn; te dezer geleegen„ „heid de hoofdplaats bij een factuur van aanreekening ten goede te laa„ geen „ten 85 den 27=en Januarij den 27e Januarij besluit om de bedorvene dranken per venditie l laaten verkoopen- de Burger Blueme passage naar Batavia verleand. de Equipagiem: ve stam te laten die hen van berecht wegens 'te in A o 1764 uit schoonsigt gelegt wanden Leggers „ten brengen, om met believen van Haar HoogEdelheedens door dezelve, weder gerestitueerd te worden. Ter gem„e sessie ook beslooten zijnde om de uit laastgem: bodem in de Dispens alhier ontvangene bedorven aranken, bestaan „de in 1 halve legger fransche wijn en 1 _„o Aam kaapsche wijn te laaten afschrijven zo is aangezien er somwijle bij opveiling door den een of ander nog wel iets voor gebo¬ „den zal worden, thans g'arresteerd, om dezelve, bij geleegenheid publiek te verkoopen. Wijders is op het Request gedaan verzoek van den Burger Jan Carel Lodewijk Blume, geresolveerd den„ „zelve, met het schip welgeleegen, transport naar Batavia verleenen, mits het vragtgeld betaalende en zig buiten kosten van de Comp„e defroijee„ „rende. Bij het instellen van de voorm„ Generaale beschrijving door den Heer Directeur ontdekt zijnde, dat aan de sub 26„e AugC„s Jleeden gevallen mar„ „ginaale dispositie op een Extract factuur van aanreekening, de dato 18„e Junij bevoorens, wegens het ligten van een stuk bezaans wand, item twee heele en Elf halve Leggers uit het schip Schoonzicht door den Equipagemeester Zuijdland, welke dan aangaande de vergadering had moeten elucideeren, niet voldaan of door zijn geduurige ziekte en daarop gevolgde dood, nimmer van bericht gediend was, zo is aange„ „zien men, om die goederen door de Administrateurs te doen verant„ „woorden, dient te weeten of de„ „zelve hier uitgeleeverd zijn, en wie het een en ander ontfangen heeft goedgevonden en verstaan, den tegenwoordige p„l Equipagiemees„ „ter Cornelis van der Stam, welke toenmaals, ofte in A„o 1764, het voorm„ generaale schip 84 87 den 27„e Januarij Poincte van rescriptie naar Kassembazaar de munt als mede afbetalen der Leveranciers van Zyde Stoffe de ged: verstrekking aan de met salpeter afkomende korp l gepasseert schip gevoerd heeft, bericht aftevorde¬ „ren, aantoonende, dat het een en an„ „der waarlijk afgescheept en hier ontvangen is. Nevens een brief van het Opper„ het zenden van Zilvernaar, hoofd en de Raad, ten in margine gem kantoore, van den 14„e dezer maand„ ontvangen zijnde, een Rapport van de ordinaire Gecommitt„s Daniel François De Barij en Iacques Benoift aantoonende dat op de twee staaven Baarzilver, uit den aanbreng van het schip welgelee„ „gen het welk ingevolge besluit van den 23„e passato, ter vermunting derwaards is gezonden; een min„ „wigt ontdekt is van 10. Engels dog de overige alle wigtig bevon¬ „den zijn, zo is verstaan alhier aanteteekenen dat daarvan bij de aftegaane brief met bo¬ „vengem„ bodem, aan haar Hoog„ Ed„s, onder toezending van het Rap„ „port, kennis word gegeeven, en voorts. het zenden van 662 staaven naar de munt, te approbeeren. Ook is beslooten te approbeeren en Lywaten geapprobeert, dat de bedienden de Leveranciers van zijde Stoffen en Lijwaaten voor Europa en de kaap, het saldo hum „ner reekening betaald en dus uit gegeeven hadden. Op de stoffen - - - - - - ƒ37552:17:8en„ 92 „ „ Lijnwaaten . - - - „13567: 6: 8. of in 't geheel - - - - - ƒ 51120: 4: De salpeeter waarvan gesprooken is, bij Resolutie van ult=o passato, bij Jellingij over de droogten geholpen en afgezakt zijnde, dog beneeden Balitongie, weder ondiep water aan „getroffen hebbende, zo dat de vaartuigen, er niet over konden en de korporaal die dezelve afbrengt, genoodzaakt geweest is, dezelve te ligten, en ten dien einde eenige andere vaartuigen in te huuren, waartoe de bedienden hem op zijn verzoek 300 Sicca Ropijen ofte ƒ 472:10 1n den 27en Januarij voorts hadden

NL-HaNA_1.04.02_3196_0051 view scan ↗

English

89 the 27th of January the 27th of January asked for clarification and approves the sale of the waste silk. to have it charged hither by the Patna servants. had sent, to account for the same here, it was resolved to pass this as well, and also to note herewith the answer of the servants to the order given to them to send the saltpeter hither through Sunderbans, namely that because that detour had not been navigated by our people in the last ten or twelve years, it was not known at present to what extent it would be advantageous and practicable in comparison with the transshipment at Jalangi, but that the Honorable Chief, since the chance to travel through there will have passed by the end of the month of January due to the then upcoming winds and storms, would have information gathered in that regard as accurately as possible, in order to proceed favorably according to the authorization and order of this Ministry regarding the saltpeter arriving in the future during the low water season, as he should judge to be most advantageous for the Company. In the cash and expense accounts of November and December sent over by the servants, according to the testimony of the Honorable Chief Administrator, nothing objectionable having been found upon examination, it was agreed to pass the same with the money employment statement presented with the letter. It was also approved that the servants had sold the waste of the collected silk, known as ketsjer and Chietta, consisting of 334 1/2 lb, at the highest price or with an advance of over 35 percent. The dispatched unfit hand grenades. Lastly, according to the 91 the 27th of January receipt and opening of the papers received today. The surplus unpacked Patna linens, to represent the adjacent in a letter. proposal of the Director, it was resolved to order the servants at Patna to still charge this main office for the amount of the hand grenades that were dispatched as unfit and charged hither without monetary value, which were mentioned in the Resolution of the 16th of October last year; since the same, according to the report of the pyrotechnician Roothoff, can be remedied by being refitted with fuses and prepared, and thus will be retained here. Done at Hooghly in Bengal on the date as above. Signed: G: L: Vernet, Mr. Isinck, Mr. Lafont, Jb Ms Ross, J: F: Humbert, O: W: Falck, I: Hk Haghadamius, and Jacob Eilbracht, Secretary. The ship Vrouwe Petronella, dispatched hither from Batavia via Malacca, having arrived safely in the Ganges, and the packets that came with it having been received this morning and opened in this meeting, and found therein: An original general missive from Their Excellencies the Supreme Indian Government dated 15th of October last year. A circular ditto of the 26th of September prior. along with some other annexes according to the register: their contents were deliberated upon, and it was initially resolved regarding Saturday the 31st of January Anno 1767: in the morning, absent the members Lafont and Ross due to business in the service. Saturday the 92 93 the 31st of January the 31st of January and to have the same charged hither by the Patna servants, to observe the adjacent. the difference in the number of pieces between the invoice and the packing slips of two packs of Patna linens, seen in an extract received last year per the ship Vreedenstein from a missive from the Noble Grand Honorable Lords Directors of the Chamber Rotterdam, of the 30th of December 1765, and the declaration and packing slips attached thereto, to represent respectfully at the earliest opportunity that this originated from careless handling during packing, since the servants at that office, to whom the aforementioned papers were sent in copy along with our letter of the 9th of October, answered in their letter of the 27th of that month that they had most earnestly admonished the packers to use all caution and accuracy so that such evidence of sloppiness might not occur again in the future, with a request for orders whether they should still charge the Bengal office for the 50 pieces of sukkeries that were packed in excess. And since no resolution was taken regarding this request of the servants on the 21st of November last, it was now also resolved to still let the charge take effect, in order to be debited from here in due time to the Chamber of Rotterdam. By the aforementioned circular missive, it being ordered by Their Excellencies that a certain Ezechiel Abrahamz, residing in Bombay, as being guilty of crimping the Company's servants, as long as he has not given the satisfaction demanded by Their Excellencies, namely to personally apologize to the Director at Surat, Mr. Senff,

Dutch transcription

89 den 27=e Januarij den 27:e Januarij vargt ge e eek: en approbeere de Verkoop der afval van de zyde Eveanaate door de Pattenasche bed:s herwaards te laaten aanrekenen. hadden toegezonden, om dezelve al¬ „hier te verantwoorden, is beslooten zulx almeede te passeeren, en te¬ „vens bij desen te noteeren, het ant¬ „woord der bedienden, op de hen ge„ „geven ordre om de salpeeter door sonder bend, herwaards te zenden, dat namelijk die omweg, in de laat„ „ste tien of twaalf Jaaren, door de onze niet bevaaren zijnde, men thans niet wist, in hoe verre dezel„ „ve, in vergelijking van den over= „scheep te Jellingij met voordeel pra „ticabel zij, dog dat het E Opperhoofd terwijl de kans om daardoor te rei„ „zen, met het einde van de maand Januarij, mits de als dan opkoo¬ „mende winden en travaten voorbij zal zijn, dien aangaande, zo nauw „keurig mogelijk, informatie zou laaten neemen, om volgens quali¬ „ficatie en ordre van dit Ministeri¬ „um omtrent de in het vervolg, af„ „koomende salpeeter in de laag„ water tijd de tijds omstandigheeden gun¬ „stig te werk te gaan, als met het mees¬ „te voordeel, voor de Comp„e overeenkom „stig, oordeelen zoude in de door de bedienden overgezon¬ „den kassa en Guastos reekeningen van November en December, volgens getuigenis van den E HoofdAAdminis¬ „trateur, bij examinatie, niets te zeg= „gen gevonden zijnde, is verstaan den „zelve, met het bij de brief vertoonde Geld Emploij te passeeren Meede is goedgevonden te ap¬ „probeeren, dat de bedien„ „den den aftaal van de ingezamelde zijde bekend als ketsjer, en Chietta in 334:½ lb bestaan heb„ „bende, ten meesten prijze ofte met een advans van ruim 35 pC=to verkocht had, „den. de afgesondene onbequaame stand= Laatstelijk is volgens „water de - 91 den 27e Januarij heden ontv. papieren te veel afgepakte Pattenasche Lywaaten het nevenst: in een sbied te vertoonen de propositie van den Heer Directeur beslooten de bedienden te Pattena te gelasten, om het bedraagen van de als on¬ „bequaame afgezondene en zonder geldswaarde her„ „waards aangereekende hand granaaten, waarvan gesproo„ „ken is bij Resolutie van den 16„e 8ber a: p: als nog dit hoofd= kantoor ten lasten te laaten brengen; dewijl dezelve vol¬ „gens Rapport van den vuur¬ „werker Roothoff met ver„ „buijsd en gelaboreerd te wor„ „den, te verhelpen zijn, en dus alhier zullen worden aangehouden Actum Hoegly in Bengale aan „tumut supra (:get/ G: L: Vernet, M„r Isinck. . . . . , M„r Lafont J„b M„s Ross, J: F: Humbert, O: W: falck I: H„k Haghadamius, en Iacob Eilbracht secretaris. ontvangst en opening der Het van Batavia over Malacca herwaards gedepecheerde schip Vrouwe Petronella behouden in de ganges g'arriveerd ende daar mede overgekomen pakketten heeden morgen ontvangen in deze bij eenkomst geopend, en in dezelve gevonden zijnde. Een origineele gemeene missive van Haar Edelens de Hooge Indiassche Re„ „geering sub 15„e 8ber a: passato. „ Circulaire d„o van den 26„e Septem„ „ber bevoorens. nevens eenige andere bijlaagen beslait om HoH d omtrent de volgens Register: zo werd over der„ zelver inhoud gedelibereerd, en aanvangelijk geresolveerd, om Haar Hoog Edelheedens wegens Saturdag den 31„e Ianuarij Anno 1767: smorgens, absent de Leeden Lafont en Ross door occupatie in den dienst Saturdag de _o 92 93 den 31„e Januarij den 31=e Januarij en deselve door de Pattenasche bed: herwaarts te laten aanreekene, het nevenst: te observeeren de aifferentie in het getalder stuk„ „ken bij de Factuur en de afpakbrief¬ „jes. van twee pakken met Pattena„ „se Lijwaaten te zien bij een in den voorleeden Jaare p„r het schip Vree„ „denstein ontvangen Extract uit een missive van de Edele Groot Achtbaare Heeren Bewindhebbe„ „ren ter kamer Rotterdam, van den 30„en Xber 1765 en de daarbij ge„ „voegde verklaaring en afpakbrief„ „jes, ten naasten met respect te vertoonen dat zulx herkomstig is uit eene onachtsaame behandeling bij de afpakking dewijl de bed=n ten dien kantoore, aan wien de voorme papieren, nevens onze brief van den 9 8ber in Copia zijn toe„ „gezonden, bij haare Letteren van den 27„e dier maand, hebben g'ant„ „woord, dat zij de afpakkers ten ernstigsten hadden vermaand, alle omzigtigheid en accuratesse te ge„ „bruiken, dat er in 't vervolg zulke blij „ken van slordigheid, niet weder mog¬ „ten voorkomen, met verzoek om Ordre of zij de 50 p„s sukkeries die te veel afgepakt zijn, als nog het Can„ „toir Bengale zouden aanreekenen. En dewijl, er omtrent deze instan „tie der bedienden op den 21„e 9ber passato geen besluitgevallen is, zo werd thans almeede geresol¬ „veerd de aanreekening als nog te laaten gevolg neemen, om in der tijd van hier, de kamer Rotter¬ „dam, ten lasten gebracht te worden. Bij de voorm„ circulaire missive door Haar Hoog Edelens bevoolen wordende om zekere Ezechiel Abrahamz, t' huis hoorende te Bombaaij, als Schul¬ „dig zijnde aan ronselarij van 's Comps dienaaren zo lange hij hier over de door Haar Hoog Ed„s gepretendeerde satisfactie, van namelijk den Direc„ „teur te souratte den Heer Senff, in persoon Excuus te verzoeken, niet zal „bruiken gegeven

NL-HaNA_1.04.02_3196_0054 view scan ↗

English

95 The 31st of January The 31st of January An extract of the alongside to the Trade Bookkeeper to cause the adjoining order to be complied with The pay bookkeeper to be instructed as mentioned in the text having given, whether he might be skipper or supercargo on one ship or another, to show not the least accommodation, beyond water and firewood, or to return salutes: it is resolved to note such here. Furthermore, it is resolved to deliver to the Trade Bookkeeper for information a copy of an extract from the general resolution of Batavia Castle dated 18 July 1766, containing an order, in accordance with the desire of the Lords Majors, to supply simultaneously with the annual balance sheets a clear report containing a distinct specification of the items that are entered under the heading of the outstanding debit and credit accounts, adding the nature of each item, and what changes have occurred in each of them upon comparing the last closed against the previous balance sheet. On the other hand, it is resolved to report to Their High Nobles in reply to the order in another extract resolution of the aforementioned date, namely to send the copies of the memoranda, or reports of the running debtors in the trade books with the decisions taken thereon in the Council of Policy, in duplicate to the Netherlands in case such had not yet been done, and to furnish Their High Nobles with a copy of the same; that since the receipt of this order, those papers have been sent annually from here to Europe and Batavia. Further still, it is resolved to respectfully explain to Their High Nobles that here no money is demanded from the arriving common soldiers to cover, as it were, the expenses 97 The 31st of January The 31st of January From the report of the linen sorters to deliver an extract to the invoice keeper and Patna servants Beverages of their burial; but rather that, in accordance with the old orders, care is taken that the common soldiers who have a credit balance on their pay accounts always retain, as long as they are in India, sufficient credit so that in the event of their death, the burial expenses can be met from it. And whereas Their High Nobles, as appears from the extract general resolution of the 21st of the aforementioned month, also desire that this latter practice be maintained, it is approved and resolved to deliver a copy of the same to the pay bookkeeper for information. Furthermore, it is approved to hand an extract from the received report of the linen sorters at Batavia concerning the inspection of certain Coromandel and Bengal goods, among others those sent from here in March last per the ship Isselmonde, to the invoice keeper, with the recommendation to exercise more attentiveness in the future when drawing up the invoices; likewise it is resolved to send an extract from the same report to Patna, in so far as it concerns the inspection of the linens gathered there and sent with the aforementioned vessel. It is further resolved to deliver to the Council of Justice, the Fiscal, and the Vendue Master a copy of an advertisement from Their High Nobles issued on 3 October 1766, whereby the buying and selling of spoiled beverages is prohibited, on pain of a fine of five hundred Rijxdaalders, as often as anyone is caught, for the benefit of whoever makes the report, or other arbitrary correction if the person guilty thereof 99 The 31st of January The 31st of January and at the same time to have the same posted To desist from the 27 Jan: Report of the Fiscal and Commissioners regarding the inspection at Bernagoor Incorporation of the report regarding the goods unloaded from Schoonzigt in the year 1764 should be unable to pay the aforesaid fine. And so that no one may pretend any ignorance of its contents, it is approved to have the same posted, and likewise by virtue of this order, the decision of the 27th of last month to sell the beverages unloaded from IJsselmonde as being sour and spoiled is repealed, and it is now resolved to have those beverages poured out and thrown away in the presence of Commissioners. After this, the verbal report was heard from the Provisional Fiscal of this Directorship, Otto Willem Falck, regarding the commission assigned to him and the Judicial Commissioners who were downriver for the dispatch of the return ships Vreedenstein and Jongvrouwe Cornelia Iacoba by resolution of the 10th of the current month, to inspect the situation of Bernagoor and to investigate whether it could be closed off with little expense, namely that such could not be done except at very great cost: thus after deliberation it is resolved to desist therefrom, but for the present to retain the Sepoys who were taken into service pursuant to the aforesaid resolution, to remain posted there, or as the Lord Director has already arranged, at the principal thanas (posts and access routes), and to guard against all molestation. Furthermore, after resumption of the report required at the session of the 27th of the current month from the Provisional Equipage Master Cornelis van der Stam concerning the goods unloaded from the ship Schoonzigt in the year 1764, reading as follows: To

Dutch transcription

95 den 31„e Januarij den 31en Januarij een Extract van het bezijde staande aan den Neg: Boek„ de nevenst: ordre te doen nakomen den soldyboekhouder let in textie vern: aante beveelen, gegeven hebben het zij hij Schipper of supercarga op het een of ander schip mogt zijn, buiten water en brandhout geen het minste gerief te bewijzen of contra salut te doen: is verstaan zulx alhier te noteeren. Wijders is geresolveerd den Negotie, houder te laten afgeven „ boekhouder ter naricht te laaten af„ „geven, Copia van een Extract uit de generaale Resolutie des kasteels Batavia van den 18„e Julij 1766. , behel„ „zen=de een ordre om ingevolge het begeerde door de Heeren Majoores bij de Jaarlijxe staatreekeningen, te„ vens te suppediteeren een duidelijk bericht, houdende een distincte spe„ „cificatie van de posten, die gebragt worden, onder het artikel van de te vooren en ten agteren staande ree¬ „keningen, met bijvoeging van wat natuur ider post is, en welke ver¬ „anderingen in ieder van dezelve bij vergelijking van de laast gesloote„ „ne tegen de voorige staatreeke„ „ning, zijn voorgevallen. Daar en tegen is verstaan Haar Hoog Edelheedens in antwoord van het bevoolene bij een ander Extract Resolutie van bovengem„ datum, om namentlijk de afschriften der Me„ „morien, of berichten van de bij de Negotieboeken loopende debiteuren met de daar op, in Raade van Poli„„ „tie genomene dispositien bij zo verre zulx niet geschied mogt zijn als nog in duplo naar Nederland te zenden, en een afschrift van de¬ „zelve, Haar Hoog Ed„s te laaten toekomen; ten naasten te berichten, dat zeedert de ontvangst dezer or„ „dre, die papieren Iaarlijx van hier naar Europa en Batavia ver„ „zonden zijn Al verder is beslooten Haar Hoog„ Edelheedens met respect te vertoonen dat alhier van de uitkomende gemee„ „ne militairen, geen geld word afge„ „vordert om daaruit guasi de onkos„ „ning „ten 97 den 31en Januarij den 31=e Januarij uit het bericht der Lywaat sorteerders den factur houder & P Pattenan bed:t te Extracter te laten toekomen dranken „ten van hunne begravenis te vinden; maar wel, dat ingevolge de oude ordres zorge word gedragen dat de ge„ „meene krijgers, welke op hunne soldijreekeningen per saldo te goed staan, zo lange dezelve in Indie zijn altoos zo veel te vooren blijven, dat bij hun sterven, de begravenis on„ „gelden, daaruit konnen gevonden worden. En dewijl Haar Hoog Edel, „heedens, blijkens Extract generaale Resolutie van den 21„e der voorm„ maand is mede vande nevors op begeeren, dat dit laaste stand zal houden zo is goedgevonden en verstaan den soldij boekhouder, Copia van het zelve, ter naricht, te laaten af„ „geeven. Wijders is goedgevonden uit het over¬ „gekomen bericht van de Lynwaat sorteerders te Batavia, raaken„ „de de bevinding van eenige korman„ „delsche en Bengaalsche goederen onder andere, die welke in Maart pas= „sato, per het schip Isselmonde van hier verzonden zijn, een Extract, den factuurhouder ter hand te stellen met recommendatie, om in den aan¬ „staande meer oplettenheid te gebrui„ „ken, bij het opmaaken der factuu„ „ren; gelijk ook geresolveerd is een Extract uit het zelve bericht naar Pattena te zenden, voor zo verre be¬ „treft de bevindig der aldaar ingezaa„ „melde en met voorm: bodem verzonde¬ „ne Lijnwaaten. Nog is verstaan aan de Raad van Justitie den Fiscaal en Vendumees„ „ter te laaten afgeven Copia van een advertissement van Haar Hoog Ed„s gemaneert den 3„e October 1766, waarbij het koopen en verkoopen van bedorven dranken verboden word, op verbeurte van vyfhonderd Rijxdaalders, zo dikwils, er ie„ „mand op betrapt word, ten behoe„ „ve van die de Colange zal doen of andere arbitrale correctie, bij aldien de geene die zij hier van aan 99 den 31„en Januarij den 31=e Januarij en teffens het zelve te laate affigere van den 27 Jan: aftezuen rappart van de fiskuesen Gecomm: wegens den opneeme te Pernagoor inlyving van 't berucht wegens de uiit schoonsigt in A„o 1764 geligte„ goederen aan schuldig komt te maaken, onver¬ „mogend mogt wezen, de voorsz. boete te voldoen. En op dat niemand van dies in= „houd eenige ignorantie zal konnen pretendeeren is tegens goedgevonden het zelve te laaten affigeeren ge„ „lijk ook uit hoofde van dit bevel, ge„ en ut der hofo van t eles resilieerd word van het besluit van den 27„e der voorleeden maand, om de uit IJsselmonde geligte dran„ „ken, als zuur en bedorven zijnde te laaten verkoopen, en thans gere„ „solveerd is, die dranken, ten over„ „staan van Gecommitteerden te laaten uitstorten en wegwerpen. Hierna werd gehoord het monde„ „ling rapport van den p„l Fiscaal dezer Directie Otto Willem Falck over de zijn E: en de Justitieele Gecom„ „mitt=n die tot de depeche der re„ „toerscheepen, Vreedenstein en Jong„ „vrouwe Cornelia Iacoba, naar be„ „neden zijn geweest bij besluit van den 10=en courant opgedragen Commis= „sie, om de situasie van Bernagoor op te neemen en te onderzoeken of hetzel„ „ve met weinigje kosten zou af te sluiten wezen, namelijk dat zulx niet, als met zeer veel ongelden, zou konnen geschieden: zo is nade¬ „liberatie geresolveerd daarvan af= te zien, dog de Sipahis, die volgens voorsz besluit in dienst genomen zijn, voor eerst nog aan te houden om aldaar, of zo als de Heer Direc¬ „teur het reeds geschikt heeft, bij de principaalste Thannas (posten en toegangen, geposteerd te blijven en tegen alle overlast te waaken. Wijders is na resumptie van het ter sessie van den 27„e Courant van den p„r Equipagemeester Cornelis van der Stam, gerequireerde bericht over de in A„o 1764 uit het schip Schoon„ „zigt geligte goederen, luidende als volgt. den Aan

NL-HaNA_1.04.02_3196_0057 view scan ↗

English

100 101 the 31st of January the 11th of January disposition on the same To the Honorable, Worshipful Sir George Louis Vernet, Director of the Honorable Company's Important Trade and Interests in the Kingdoms of Bengal, Behaar and Priaa together with the Council of Hoegly etc. etc. Honorable, Worshipful Sir, Respectable Councilors. Since the undersigned Master of the Equippage was instructed by Your Right Honorable Worship and Your Honors by resolution of the 27th of this month to demonstrate by report that the one piece of mizzen shroud or spar, as well as 2 whole and 11 half leagers, charged to this Directorate by invoice of the ship de Jonkvrouwe Cornelia Jacoba, dated June 18th 1766, were truly shipped from the ship Schoonzigt in the year 1764 and received here; he takes the liberty to inform Your Right Honorable Worship and Your Honors that, as he was commanding the said vessel at that time, he recalls that the above-mentioned goods were removed from it, and he also believes this took place on the orders of the then living Master of the Equippage, Lucas Zuijdland, being greatly strengthened in this opinion by the fact that on the Equippage Office a draft order for the removal of the aforementioned shroud is to be found, resolved, to have the piece of mizzen shroud, the draft order of which was found among the papers concerning the Master of the Equippage, entered into the books after all, and to have it accounted for to the Company by the authorized agent of the late Master of the Equippage Zuijdland, either in kind, or with payment of the cost. But concerning the cooperage that in the aforementioned year is [missing], which in all probability will have been neglected to be entered into those books; and concerning the leagers, they will, according to the report of the current Pilot Marinus van der Merk, have been delivered to the sloop de Haring for use on its voyage to the Coast of Coromandel. Hoping hereby to have satisfied the esteemed intention of Your Right Honorable Worship and Your Honors, I have the honor to be with due respect and esteem, below was written: Honorable, Worshipful Sir and Respectable Councilors, lower: Your Right Honorable Worship's and Your Honors' humble and obedient servant, signed: P:s van der Stam, in the margin: Hoegly, the 31st of January 1767. to 152 103 the 31st of January the 31st of January brought secret letter etcetera resumed would have been provided to the sloop de Haring when making the voyage to Coromandel, it was resolved to have further information obtained as to where the same ended up or was accounted for upon the return of that vessel. the remainder of the said and the drafted Next, the Director produced the remainder of the general and the drafted secret letter to Their High Honors, as well as the provisional Indian demand for the year 1767/8, and after reading of both, it was resolved to concur therewith. insertion of three deeds of surety Lastly, there are inserted here the deeds of surety for the provisional Fiscal Otto Willem Falck, the Second Warehouse Keeper Jan Rauwerts, and the Head of the Artillery Fredrik Roothoff, all drawn up according to order and executed by wealthy persons, of the following content: Today, the 31st of January anno 1767, appeared before me, Fredrik Thott, sworn clerk of the Bengal Secretariat, in the presence of the witnesses to be named hereafter, the native merchants Moeter Adie and Sam Adie, who declared that they interpose themselves in solidum, that is both for one, and one for both, and stand as sureties for the gentleman Otto Willem Falck, Junior Merchant, provisional Fiscal and Village Master here, and this in accordance with the Resolution of the High Indian Government of the 9th of July 1762, and what was dealt with and resolved thereupon in the Worshipful Council of Policy here on the date of September 16th 1763, for a sum of sixteen hundred Arcot rupees of thirty heavy stuivers each, in order that the Honorable Company might recover therefrom all such actions and claims as might arise or result from his office as Village Master during the time that he holds it, or within four years after his departure, death, or transfer to another post; expressly renouncing for this purpose the benefits of order, division, and execution, the effect thereof having been explained to them. Today instructed 15

Dutch transcription

100 101 den 31 Januarij den 11„en Januarij dispositie op 'te zelve Aan den E. E. Achtbaaren Heer George Louis Vernet. Directeur van 's E Comp„s Importanten handel en Belangens in de Rijken van Bengale, Behaaren Priaa benevens den Hoeglischen Raad eta eta E. E. Achtbaare Heer Respectable Raaden. Door UwelEd„e Achtb„r en UwEd„s bij Besluit van den 27„e dezer aan den ondergeteekende Equipagiemeester opgedragen zijnde om door bericht aan te toonen, dat de bij factuur van 't schip de Jonkvrouwe Cornelia Iacoba, sub dato 18„en Junij 1766 deze Direc„ „tie aangereekende Een stuk bezaans wand of stange, benevens 2 P„s heele en 11„e d„ halve Leggers waarlijk uijt 't schip schoon „zigt en A„o 1764. afgescheept en alhier ont„ „vangen zijn, zo neemt hij de vrijheid, Uw welEd„ Achtb„e en Uwed„es te berigten, dat hem als dier tijd gem„e Bodem Commen„ „deerende, voorstaat, dat de bovengem: Goe„ „deren, daaruit geligt zijn, en vermeent hij ook zulx op ordres van den doen „maals in 't leevende zijnde Equipagiemees„ „ter Lucas Zuijdland geschied te zijn, wer„ „dende hij in deese zijn meening grooten „lijk gesterkt door dien op 't Equipagie Comptoir een minut Ordonnantie tot tligten van voorgem„e wandt te vinden beslooten, om het stuk bezaans wand waarvan de minut ordonnantie onder de papieren betreffende den Equi= „pagiemeester, gevonden is, als nog bij de boeken te laaten inneemen en door den Gemagtigden van wijle den Equipagiemeester Zuijdland aan de Compagnie te doen verantwoorden het zij in natura, of met betaaling van het kostende. Dog omtrent het vaat„ „werk dat in 't voormelde Jaar aan de sloep de Haring bij het doen der reize is, 't geen na alle gedagten verzuimd zal zijn, om bij die boeken in te neemen, en be„ „treffende de Leggers zo zullen dezelve volgens berigt van den thans zijnde Loods Marinus van der Merk, aan de Chialoup de Haring tot gebruik op zyn Reyse na de kust Cormandel afgegeven zijn Hiermeede verhoopende aan Uw Wel¬ Ed„e Agtb„r en Uw Ed„s zeer g'eerde in- „tentie voldaan te hebben, zo geve mij d' Eer met schuldige Eerbied en agting te zijn /:onderstond:/ E. E. Achtbaare Heer en Respectable Raaden /:lager/ Uw WelEd„e Achtb: en Uw Eds ootmoedige en gehoorzame Dienaar /geteekend/ P:s van der Stam /:ter zijde:/ Hoegbij den 31„e Januarij 1767. naar 152 103„ den 31e Januarij den 31„e Januarij gebragte secrete missive &=a ger:s sumeert naar Cormandel verstrekt zou zijn, werd geresolveerd nadere informatie te laaten doen waar het zelve bij de terugkomst van dat vaartuig beland of verantwoord is. het restant der gem: en die memegt Vervolgens werd door den Heere Directeur geproduceert het Restant van de gemeene iter„ de in concept gebrachte secreete missive aan Haar Hoog Ed„s, als mede de pro= visioneele Jndische Eisch voor A„o 176/8. en na lecture van het een en ander beslooten zig daar mede te confor„ „meeren. insette van drie actens van Cutie Laatstelijk worden als hier ginsereert de Actens van Cau¬ „tie voor den p„l fiscaal Otto Willem Talck, den tweede Pak¬ „huismeester Jan Rauwerts en het hoofd van de Artillerij Fre¬ „drik Roothoff, alle nade ordre ingericht en door vermogende luiden gepasseerd zijnde van de „zen inhoud. Heeden den 31e Januarij Ao. 1761, Compa¬ „reerde voor mij Fredrik Thott geswoore klerk der Bengaalsche secretarije pre„ „sent de natenoemene getuigen. de Jnland„ „se kooplieden Moeter Adie en Sam Adie dewelke verklaarden, zig in solidum, dat is beide voor een, en een voor beide te inter„ „poneeren en Als borgen te stellen, voor de Heer Otto Willem Falck onderkoop= „man provisioneel Fiscaal en Dorp= „meester alhier, ende zulx ingevol„ „ge Resolutie van de hooge Jndiasche Regeering van den 9„e Julij 1762, en het daarop gebesoigneerde en geresolveerde in den Achtbaaren Raad van Politie alhier in dato 16„e September 1763, voor een somma van sestien hondert ar¬ „cat Ropijen /:van dertig swaare stuivers, ieder / ten einde de E Comp„e daaruit zoude kunnen verhaalen alle sodanige actien en pretensien als uit hoofde zijne bediening als Dorpmeester, geduurende de tijd, dat hij die bekleed, opkomen ofte in vier Jaaren na desselfs vertrek overlijden, of„ „te verplaatsing in een ander post, re„ „dundeeren mogte, over zulx wel expresselijk renuntieerende de be„ „neficien ordinis divisionis et exe„ „cutionis, het effect van dien hen Heeden onderrecht 15

NL-HaNA_1.04.02_3196_0059 view scan ↗

English

10 04 105 the 31st of January informed, binding hereto their persons and properties under obligation according to law. Thus done at Hoeglij in Bengale in the presence of Johan Christoffel Horn and Frans Regel as witnesses. The minute hereof is duly signed and written on a stamp of twenty-four stuivers. Below stood: Quod attestor, was signed: J: Tholt, sworn clerk. Today, the 29th of January, Anno 1767, appeared before me, Pieter Hoff, provisional first sworn clerk of the Bengal Secretariat, in the presence of the witnesses to be named hereafter, the native merchants Nondoziel and Nayandhor, who declared to interpose themselves and stand surety in solidum, that is both for one and one for both, for Mr. Rauwerts, junior merchant and second warehouse master at this office, and this pursuant to the Resolution of the High Indian Government of the 9th of July 1762, and the deliberations and resolutions taken thereon in the Honorable Council of Policy here, dated 16th of September 1763, for a sum of three thousand two hundred Arcot rupees, of thirty heavy stuivers each, in order that the Honorable Company may recover therefrom all such actions and claims as might arise on account of his aforementioned service as second warehouse master during the time that he holds it, or might redound within four years after his departure, demise, or transfer to another post, thereby renouncing explicitly the benefits ordinis divisionis et excussionis, the effect being explained to them, further binding for the fulfillment of the aforesaid their persons and properties under obligation according to law. Thus done at Hoeglij in Bengale in the presence of Fredrik Wieman and Jan Janze as witnesses. The minute hereof is duly signed and written on a stamp of twenty-four stuivers. Below stood: Quod attestor, was signed: P: Hoff, sworn clerk. Today, the 31st of January, Anno 1767, appeared before me, Pieter Hoff, provisional first sworn clerk of the Bengal Secretariat, in the presence of the witnesses to be named hereafter, Maniek and Geriet Ram, native merchants here, who declared to interpose themselves and stand surety in solidum, that is both for one and one for both, the 31st of January 106 107 the 31st of January for Mr. Jan Fredrik Roothoff, extraordinary fireworker and Head of the Artillery at this office, and this pursuant to the Resolution of the High Indian Government of the 9th of July 1762, and the deliberations and resolutions taken thereon in the Honorable Court of Justice here, dated 16th of September 1763, for a sum of one thousand six hundred Arcot rupees, of thirty heavy stuivers each, in order that the Honorable Company may recover therefrom all such actions and claims as might arise on account of his aforementioned administration as Head of the Artillery during the time that he shall perform it, or might redound within four years after his departure, demise, or transfer to another post, thereby renouncing explicitly the benefits ordinis divisionis et excussionis, the effect being explained to them, further binding for the fulfillment of what is written above their persons and properties under obligation according to law. Also appeared before me, provisional first sworn clerk, and the witnesses, Jan Fredrik Roothoff, above-mentioned, who declared that he would indemnify and hold harmless the aforesaid sureties for their aforementioned suretyship. Tuesday P. Humbert, O: W: Falck: I: H: Haghadamius Jacob Eilbracht, secretary Thus done at Hoeglij in Bengale in the presence of Pieter van der Sluis and Johan Christoffel Horn as witnesses. The minute hereof is duly signed and written on a stamp of twenty-four stuivers. Below stood: Quod attestor, was signed: P Hoff, provisional first sworn clerk. Actum Hoeglij in Bengale, date as above. Was signed: G: L: Vernet, Mr. Isinck B Hk Zinner, the 31st of January Thus 308 109 the 3rd of February Indian requisition Resolution to detain Welgelegen for a few more days Journal of the Ropeyard To demand the adjacent matter from the Kassembazaar & Patna servants Tuesday, the 3rd of February, Anno 1767, in the morning. All present, except the Military Captain Zinner due to indisposition. Resumption and signing of the answered Indian requisition Initially it was understood to note here that the answered Indian requisition for the year 1765 was resumed and signed in this meeting, and furthermore approved, being the answer drawn up by the pro interim pay bookkeeper Gregorius Herklots to two Batavia pay memoranda of the 18th of July and 12th of August of the past year, and three extracts of Fatherland memoranda belonging thereto concerning granted monthly notes by the Amsterdam Chamber. Subsequently, upon the propositions of the Lord Director and for reasons as may be seen in today's secret Resolution, it was decided to detain the ship Welgeleegen, which lies ready to sail, for a few more days. Insertion of an extract from the Subsequently, the Lord Director submitted an extract from the Journal of the Ropeyard. Upon the verbal representation of the trade bookkeeper Johannes Mattias Ross, that the subordinate offices always charged among other entries on invoices sent here that which should be credited or debited to the Bengal office, whereas, in order to avoid all confusion, just as was done from here, this ought to be done on separate invoices, it was decided to write to the servants at Kassembazaar and Patna, that as often as the Bengal office is to be credited or debited for anything, they shall henceforth charge such on separate invoices sent here. ship regarding

Dutch transcription

10 04 ^ 105 den 35„e Januarij onderrecht, verbindende hier toe hun„ „ne persoon en goederen onder verband als naar regten. Aldus gedaan te hoeglij in Beu „gale ter presentie van Iohan Christoffel Horn en Frans Re„ gel als getuigen. De Minute de„ „ses is behoorlijk geteekent en op een zegul van vier en twintig stui„ „vers geschreeven /:onderstond:/ Quod= attestor, /was geteek/ Ik Tholt gClerq Heeden den 29„e„ Jan: A„o: 1767, Compa¬ „reerden voor mij Pieter Hoff p„r Eerste ge„ „swooren klerk der Bengaalsche secre„ tarije, present de natenoemene getui¬ „gen, de Jnlandsche kooplieden Nondo= „ziel, en Naijandhor, dewelke verklaar„ „de, zig in solidum, dat is beide voor een en een voor beide, te interponee¬ „ren, en als borgen te stellen voor den Heer Rauwerts, onderkoopman en tweede Pakhuismeester ten deesen kantoore ende zulx ingevolge Re„ solutie van de Hooge Indiasche Re¬ „geering van den 9„e Julij 1762. en het daar op gebesoigneerde en geresol„ „veerde in den Achtbaaren Raad van Politie alhier in dato 16„e September 1763 voor eene Somma van Drie dui¬ Heeden den 31e„ Januarij Ao. 1767 Compa¬ „reerde voor mij Pieter Hoff p„r Eerste geswore klerk der Bengaalsche Secre„ tarije present de natenoemene getui„ „gen, Maniek en Geriet Ram Inland„ „sche kooplieden alhier, dewelke ver„ „klaarden zig in solidum dat is beide voor een en een voor beide ^ te interpo¬ „zend twee hondert arcatse Ropijen /:van dertig swaare stuivers ieder / ten einde de E Comp„e daaruit zoude kunnen verha„ „len alle zodanige Actien en pretentien als uit hoofde zijner voorm„t bedienng als tweede pakhuismeester geduurende de tyd dat hij die bekleed, opkomen ofte in vier Jaaren, na desselfs vertrek, overlijden, ofte verplaatsing in een andere post, redundeeren mogte, re„ „nuntieerende over zulx wel expres„ „selijk de benificie ordinis divisionis et execussionis, het Effect hun onder„ „regt, verbindende wijders tot nako„ „ming van 't geen voorsz staat hun „ne persoon en goederen onder verband. als naar Regten. Aldus gedaan te Hoeglij in Bengale ter presentie van Fredrik Wieman en Jan Janze als getuigen. De mi¬ „nute deses is behoorlijk geteekend en op een zegel van vierentwintig stuivers geschreeven /:onderstond:/ Quod Attestor /:was geteek:/ P: Hoff g Clercq den 31„e Januarij „zend „neeren 106 107 den 31„en Januarij „neeren en als borgen te stellen voor de Heer Jan Fredrik Roothoff Extraordi„ „naire vuurwerker en Hoofd van de Artille „rij ten desen kantoore ende zulx inge„ „volge Resolutie van de Hoge Indiasche Regeering den 9„en Julij 1762, en het daar op gebesoigneerde en geresolveerde, in den Achtbaaren Raad van Justitie alhier in dato 16„e 7ber 1763, voor eene somma van Een duizend zes hondert arcatse Ropijen /: van dertig swaare stui= „vers iders ten einde de E Comp„e daar„ „uit zoude kunnen verhaalen, alle zo= „danige actien en pretentien als uit hoofde zijner voorm„ Administratie als hoofd der Artillerij, geduurende de tijd dat hij die waarneemen zal opkoo„ „men, ofte in vier Jaaren, na desselfs vertrek overlijden, ofte verplaatsing in een andere post, reaundeeren mogte re„ „nuntieerende over zulx wel expres= „selijk de benificien ordinis Divisio„ nis et excussionis het effect hun onderregt, verbindende wijders tot na„ „koming van 't geen voorschreeven staat, hunne persoon en goederen onder verband als naar regten Nog Compareerde voor mij p„r Eerste geswore klerk en ge„ „tuigen Jan Fredrik Roothoff. bovengem: dewelke verklaarde de voorengem„ borgen wegens hunne voorm„e borgtogt te zullen indene¬ „neeren en schadeloos houden Dingsdag . . - - P„n P: Humbert, O: W: Falck: I: H: Haghadamius Iacob Eilbracht secretaris Aldus gedaan te Hoeglij in Beu¬ „gale ter presentie van Pieter van der Sluis en Johan Chris¬ „toffel Horn als getuigen. De minute dezes is behoorlijk getee„ „kend en op een zeegel van vier en twintig stuivers geschreeven /:onderstond:/ quod Attestor /:was geteekend:/ P Hoff p E g Clercq Actum Hoeglij in Bengale datum ut supra /:was geteekend/ G: L: Vernet, M„r Isinck B H„k Zinner, den 31=en Januarij Aldus ƒ 308 109 den 3„e februarij Indische Eiseh beslunt om Welgelegen nog eenige dagen aan te houfden Journaal da Lijnbaar „de Kassembakaars & Pattenasche bed: 't nevenstaande te demandeere Dingsdag den 3„e Februarij A„o 1767: smorgens alle present, behalve de Capitein Militair zinner door onpasselijkheid. resumtie en tekening der beanti Aanvankelijk is verstaan alhier te noteeren, dat de beantwoorde Indi= „sche Eisch voor A„o 1765 in deze bij= „eenkomst geresumeerd en geteekend mitsgaders ook g'approbeerd is, het door den prointerim soldijboekhouder Gregorius Herklots ingerichte ant„ „woord op twee Bataviasche soldij Memorien van den 18„e Julij en 12 Au¬ „gustus Anno passato;, en drie daar bij gehoorende Extract Patriasche Memorien van verleende maand cedullen bij de kamer Amsterdam Vervolgens is op de propositien van den Heere Directeur en om ree¬ „den als bij secreete Resolutie van heeden te zien is, g'arresteerd het insertie van een Extractuit het Vervolgens werd door den Heer Directeur overgelegt een Extract uit het Journaal van de Lijnbaan schip Welgeleegen, dat zeilvaardig legt nog eenige dagen aan te houden. Op de mondelinge vertooning van den Negotie boekhouder Iohannes Mattias Ross, dat van de binnen kantooren altoos onder andere posten bij de factuuren herwaards wierd aangereekend, het geen het kantoor Bengale, ten goede of ten lasten moest gebracht worden, daar zulx om alle brouillerie te vermijden, even als het van hier gedaan wierd, bij aparte factuuren behoor„ „de te geschieden, is g'arresteerd de bedienden te kassembazaar en Pattena aan te schrijven, om zo dikwils, als het kantoor Benga„ „le iets ten goede of ten lasten moet komen, zulx voortaan, bij aparte factuuren herwaards aan te ree¬ „kenen. schip wegens

NL-HaNA_1.04.02_3196_0062 view scan ↗

English

17:8: 111 the 3rd of February the 3rd of February Brought forward - - ƒ8719:9:8. Extract from the Journal of the Ropeyard marked N 1765/6. where among others is stated as follows. 1: Page: The following to the Houglij Factory ƒ9944: 12:8. being the amount of the hereinafter mentioned goods which in these books appear under today's date, which, in order to close, are balanced on the Main Account, to the end that tomorrow in the new Books they may again be credited on their own Accounts for the same, Namely 17: Kedge Anchors, ƒ 4176:—:—: for 30 pieces weighing together 13680 lb which by the Equipage Master in the Book Year 1763/4 from his own vessel supplies were provided in excess of what was in stock at the Equipage Warehouses, and since that time have run on in the Ropeyard Booklets with ƒ 4176:—:— 2. Heavy ropes ƒ2883:13: – for 2 pieces of 18 thumbs each, which for lack of stock however without Ordinance, were purchased by the Equipage Master, and supplied to the ships Blijswijk and Welgeleegen, the same being written off earlier on pages 18 and 20 with ƒ1448: 6: 8. each or Together. 2888:13:— 9 Coir Ropes ƒ457:10:8: for 5 pieces which, purchased as mentioned above, were supplied to the Shallops and written off among others earlier on Pages 31: and 32 as: 1. Piece of 13 thumbs with - - - - - - - - - - ƒ135:1: 13 Pieces Bengal Housing and Marline ƒ 4: 4: for 20 lb, which purchased as before and supplied to the Artillery can be seen herebefore on Page 30. - . . . . . . - 4: 4: 15 Dutch Sailcloth ƒ 1193:2:- for 30½ Rolls, purchased as just mentioned and supplied for sails for the Shallops, being among others written off on Page 40 with - - . . - 1193. 2. — Carried forward. - . . . - ƒ 8719: 9: 8: 4 10 - - - - - - - - - 322:3:8. 457: 10: 8. 4: 4: the resolution passed thereon, having after resumption of the same observed that for the purchase or supply of all the aforementioned goods it does not appear that any resolution has been taken, except only for the Lantern horns and Forging coals, for which, among others, on the 23rd of July 1765 authorization was granted, and therefore resolved Total. . . . . ƒ9944:12: 8. Below: Houglij In Fort Gustavus, the last day of August Anno 1766. - - - - 22: 8:— 22. Pieces of bar iron, ƒ719:12:- or 5652½ lb supplied by the Equipage Master from his own stock for the service of the Shallops, and written off among others earlier on Pages 36 and 37 with - - - - 24: Steel. ƒ9:14:- for 52: lb supplied from the lot brought with the ship Doranjezaal and written off in these books with 9:14:— Tinplate ƒ6:3:– or 13 sheets of double Tinplate for lack of Stock however without ordinance, purchased by the Equipage Master and supplied, among others, for the service of the Shallops, being written off earlier on Page 39 with - - - - 6:3:— 28 Lantern horns ƒ29:12: or 248½ Pieces as aforementioned 29: 12: — 29 Forging coals, ƒ437:14:- for 23 7/16 Hoed, ditto. . . . 437: 14:— 27 Iron lock Plates, ƒ22:8:- for 4½ pieces being purchased as aforementioned, and used by the blacksmith for various necessities, for which the Account of Ordinary Expenses herebefore on Page: 29: is charged among others with. . . 719:12:— on account of various goods which, under the last day of August 1766, appear therein, reading as follows. ved 25 charged with. . . 113 the 3rd of February Points of Rescript to Kassembazaar The actions of the servants at the appraisal of silk fabrics for Japan and Ceylon approved. ved, to let the attorneys of the late Equipage Master Lucas Zuijdland be satisfied only for the amount of 28 pieces of Lantern horns or ƒ 29:12:— item the cost of 23 7/16 hoed of forging coals or ƒ437:14: But concerning the remainder, which the assembly well trusts were also purchased and successively supplied by the aforementioned Zuijdland, but due to his advanced Age and the weakness of Memory that has increased for some time, were forgotten to be reported; to request Their Right Noblenesses' esteemed Disposition. Hereafter proceeded to the business concerning a letter from the Chief and the Council at the office mentioned in the Margin, dated the 30th of the past month and first understood to approve that the servants, at the held appraisal of some silk fabrics sent for Japan and Ceylon, having taken into consideration that the Taffeta for the last-mentioned place was nothing other the 3rd of February than single Armozines, just like those traded for Europe, and differ from them only in length and denomination, and consequently pro rata ought not to cost more than the latter, they represented the fairness thereof to the Supplier of the same and, notwithstanding his protests, offering to otherwise let him keep his goods, stipulated and bargained upon the same a price reduction of 15½ Stivers on the double and 18½ stivers on the single, per piece, since the same were priced pro rata so much higher than the single Armozines, as also that the servants in like manner dealt with the Roederwanies, which in fabric and weave were nothing other than single checked Armozines, and reduced the same by 10 stivers per piece or as much as they had been set pro rata higher. as At

Dutch transcription

17:8: 111 den 3e: februarii den 3„e februarij Door Voortdragt - - ƒ8719:9:8. Extract uijt 't Journaal van de Lijnbaan d' N„ 1765 /6. alwaar onder anderen staat, als volgt. 1: P: De volgende aan 't Comptoir Houglij ƒ9944: 12:8. zijnde/ 't bedragen der natemeldene goederen die bij deese boeken onder heedigen datum te vooren loopen, 't welke, om te sluijten, op de Hoofd Reekening verevene, ten fine op morgen bij de nieuwe Boeken dezelve weeder op haare eigene Reekenings daarvoor te crediteeren Namentlijk 17: „ Werp Ankers, ƒ 4176:—:—: over 30 P„s weegen te saamen 13680 lb dwelke door den Equipagiemeester in 't Boekjaar 176¾ uijt dies eige Reederije meerder zijn verstrekt dan bij de Equipagie Pakhuisen in voorraad was, en zeedert die tijd bij de Baan Boekjes hebben voortgeloopen met ƒ 476:—:— 2. „ Touwen swaare ƒ2883:13. – over 2 p„s van 18 d=m, ieder die mits gebrek aan voorraad egter zonder Ordonnantie, door den Equipagiemeester zijn ingekogt, en aan de scheepen Blijs „wijk en welgeleegen verstrekt, zijnde dezelve woorwaards op sag 18 en 20 afgeschr: met ƒ1448: 6: 8. ieder of Te saamen. „ 2888:13:— 9„ Cair Touwen ƒ457:10:8: over 5 P„s die als bovengem„ zijn ingekogt aan de Chialoupen verstrekt en onder meerder voorwaards op Pag 31: en 32 afgeboekt als. 1. P„s van 13 d=m met - - - - - - - - - - ƒ135:1: 13 P Huising en Marlijn Bengaals ƒ 4: 4: over 20 lb, die als vooren Ingekogt en aan de Artillerij verstrekt zijn hier vooren op Pag 30 te zien. - . . . . . . -„ 15 „ Zeijldoek Hollands ƒ 1193:2:- over 30½ Roll:, als even gem: Jngekogt en tot zeilen voor de Chialoepen verstrekt, zijnde onder meerder op Pag„s 40 afgeschreeven met - - . . - „ 1193. 2. — Drage voort. - . . . - ƒ 8719: 9 8: 4 „ „ 10 „ „ - - - - - - - - - „ 322:3:8. „ 457: 10: 8. 4: 4: het behut daar opgevallen n, na resumptie van het zelve geremar¬ „queert, dat er tot het inkoopen of ver„ strekken van alle de voorme„ goederen niet blijkt, eenig besluit genomen te zijn, als alleen van de Lantaarn hoorns en Smeekoolen, waartoe, onder meer andere, op den 23e Julij 1765 Quali¬ „ficatie verleend is, en over zulx geresol„ Somma. . . . . ƒ9944:12: 8. /onder/: Houglij In 't Fort Gustavus, ult„o Aug C„s A:o 1766. - - - - „ 22: 8:— 22. P„s staafijzer, ƒ719:12:- off 5652½ lb uiteigen voorraad door den Equipagiemeester ten dienste der Chialoupen vertrekt, en onder meerder voorwaards op Pag 36 en 37„e afgeboekt met - - - -„„ 24: „ Staal. ƒ9:14:- over 52: lb uijt de aangebragte Partij met 't schip Doranjezaal verstrekt en by deese boeken afgeschr: met„ 9:14:— „ Blik ƒ6:3:– of 13 bladen dubb„e Blik mitsgaders aan Voorraad edog zonder ordonnantie, door den Equipagemeester ingekogt en onder meerder, ten dienste der Chialoupen verstrekt zijn„ „de voorwaards op Pagina 39 afgeschreeven „ 6:3.— met - - - - --- - - ds 28 „ Lantaarnhoorns ƒ29:12: of 248½ P„s als voorengemd: „ 29: 12. — 29 „ Smeekoolen, ƒ437:14:- over 23 7/6 Hoed, adidem. . . . „ 437: 14— 27 „ sloot Plaaten ijzere, ƒ22:8:- over 4½ p„s zijnde als meer gemd: ingekogt, en door den smit tot diverse benoodigt„ „heeden verbruikt, waarvoor de Reekening onkosten Ordinaire hier vooren op Pag: 29: onder meerder is 719:12:— wegens diverse goederen, welke onder ult„o AugC„s 1766, daarbij te voorenloo„ „pen, luidende als volgt. „veerd 25 belast met. . . 113 den 3 februarij Pointen van Re, „schriptienaar Kassembazaar 't verrichte der bed:s by de voor Japan en Ceilon geapprobeert, weerd, aan de gemachtigden van wijle den Equipagiemeester Lucas Zuijdland een¬ „lijk te laaten voldoen het bedraagen van 28 stux Lantaarn hoorns ofte ƒ 29:12:— item het kostende van 23 1/16 hoeden smee„ „koolen ofte ƒ437:14: Dog omtrent de overi„ „ge die de vergadering wel vertrouwt dat door voorm. Zuijdland meede opge¬ „kocht en successive verstrekt, dog door zijne hooge Jaaren en zeedert eenige tijd toegenomen hebbende zwakheid van Memorie, vergeeten zijn opte geven; Haar Hoog Edelheedens g'eerde Dispositie te ver= „zoeken. Hierna werd getreeden tot de besoigne over een brief van het Opperhoofd en de priseering der zijde stofte Raad ten in Margine gem: kantoore, gedag= „teekend den 30„e der verweeken maand en vooraf verstaan te approbeeren, dat de bedienden, bij de gehoudene priseering van eenige voor Japan en Ceilon afge¬ „zonden zijde stoffen, in aanmerking genomen hebbende, dat de Tafta voor laastgem„t plaats; niets anders waren den 3e februarij als enkelde Armozijnen, even gelijk die voor Europa genegotieert worden. en daarmede alleen in lengte en be¬ „naming verschillen, en gevolgelijk pro rato, niet meer behoorde te kosten als de laastgem„, zij den Leverancier derzelve, de billijkheid daarvan voorgehouden en, ongeacht zijne protestatien, onder aanbieding van hem zijne waar anderzints te zul¬ len laaten behouden, op dezelve eene prijvermindering van 15½ Stuivers. op de dubbelde en 18½ stver„s op de enkel„ „de, per stuk bepaald en bedongen hadden, aangezien dezelve pro ra„ „to zo veel meer dan de enkelde Ar„ „mosijnen op prijs gesteld waren, zo ook dat zij bedienden met de Roeder„ wanies, die in stoff en weefzel, niet anders waaren, als enkelde gerui¬ „te Armosijnen in gelijker voegen gehandelt, en dezelve met 10 stvers p„r stuk ofte zo veel zij pro rato hoger ge„ „steld waren vermindert hadden. als Bij

NL-HaNA_1.04.02_3196_0064 view scan ↗

English

112 115 fabrics for Europe. Likewise with the suppliers of the same. By the same letter, it also having been seen that the suppliers of silk fabrics for Europe, with whom the servants had contracted at the public tender that a good portion of the entire lot should be delivered inside in the month of September in order to be able to serve for the cargo of the first ships, not only failed to fulfill this obligation of theirs, but in addition, regardless of the fact that they already had the goods at home, had not wanted to deliver any of them inside before the end of the festival of Dessera, and thus during almost the entire month of October, even though the Honorable Chief had warned them that the interest on such a sum of money as they might have been able to receive in reduction of the three-quarters amount in the late part of September or primo October would cease as of the 3rd of February last-mentioned date; and that they, the servants, on that account, had credited the said suppliers one month and six days less interest, or from Primo October until the 6th of November, on a sum of 64000 Sicca Rupees or ƒ100800:—:—, which they, on the last-mentioned date, had received for the first time on the ¾ amount of the tender memorandum after rough calculation of the brought-in lots, and had thus let them bear the loss of the expired interest themselves, since they could have received that money just as well on Primo October as on the 6th of November and, moreover, had been warned thereof; so it is, seeing that this decision of the servants is very equitable, and the assembly is of the opinion with them that the Company is not obliged, out of complaisance for heathen superstition and obstinacy, to pay interest in a time when its stock of cash 3 February last-mentioned permits 117 the 3rd of February to withhold what is needed from the proceeds of the recoinage to provide the necessary paint materials permitted paying off the principal itself, and that that nation ought to be emphatically convinced for once that contracts are not made pro forma; resolved and agreed to approve this completely. The servants permitted to from the proceeds The servants further making known that their stock of cash, in consideration that the silk fabrics for Japan and Ceylon still had to be paid for, had not allowed the suppliers of the said fabrics and the linens pro Patria to satisfy the earned interest, but that the Honorable Chief had persuaded them to have patience therewith until a better opportunity; and that for the collection of Peuwe Pattenie and Mochta from the November crop and other necessary expenditures, ready money will soon be lacking as well, since, besides a small remainder in the Daily Cash of about 3700 Rupees, which the 3rd of February also had to be employed for a large part for charges in Jellingij, there were no more than s=r r:o 18000:- or ƒ28350:— in stock, which, as stated, had to serve for the fabrics for Japan and Ceylon; so it is resolved and agreed to leave the servants the liberty, in accordance with their request, to be permitted to withhold a sufficient portion from the proceeds of the latest recoinage to satisfy that which still must be paid off. Resolution to at an opportunity For the painting of the newly built dwelling and other buildings in the mint at Kariem Abaad, the necessary paint materials being little or not at all obtainable yonder and excessively expensive; and the servants consequently making a request for a barrel of white lead, 10 to 15 lb verdigris, some small barrels of blacking, and a couple dozen paintbrushes in assorted kinds, it is resolved to provide them with both at an opportunity, 118 119 the 3rd of February the 3rd of February to Pattena. Points of reply: defense of the Chief Rietveld that the claims and leases regarding Hoevenaar are lawful either from the stock of the Equipage warehouses or as may be arranged by the Honorable Head Administrator. Proceeding further to the resumption of a letter from the servants at Pattena, dated the 21st ultimo, it was seen therein, among other things, that the Chief Rietveld, regarding the sharp reproaches made to him in particular by letter of the 29th of the last-expired month of December, both concerning the case of the perimeter wall on the south-east side of the Company's lodge and on account of the affair touching the repatriated third person Ludolf Hoevenaar, declared on everything that is dear to him that it affected him most sensibly and touched him to the quick to see himself, amidst all his efforts and the diligence he applied to do well, brought into suspicion with his superiors and exposed so vehemently in public papers. That he had too much veneration for those who are set over him to foster the displeasure of his honored masters with respect to him by writing back and forth or excusing himself, and would thus only clear himself regarding the one particular, or regarding the complainant about Hoevenaar, and show that he is not a disreputable person, and that the adverse thoughts of this Ministry in this regard, in all their particular relations, were in fact without any cause. To prove this, they transmit an attestation passed by that native in lieu of a proof that follows here below. brought Today

Dutch transcription

112 115 stoffen voor Europa. Zoook met de Leverancered oer Bij dezelve brief ook gezien zijnde dat de Leveranciers van zijde Stoffen, voor Europa, met welke de bediendens bij de aanbesteeding hadden gecontrac¬ „teerd, dat een goed gedeelte van de gansche partij in de maand Sep¬ „tember zoude binnen gelevert wor„ „den, om te konnen dienen, tot het cargasoen der eerste scheepen, aan deze hunne verbintenis niet al¬ „leen niet voldaan, maar daar en boven, onaangezien zij de goederen reets t'huijs. hadden, geene van dezelve voor het einde van het feeft Dessera, en dus bijkans geduuren¬ „de de gantsche maand 8ber niet hadden binnen willen leeveren, schoon het E Opperhoofd hen ge„ „waarschouwd had, dat de interest op zodanig een somme gelds als zij in mindering van het drie „quart bedragen, in het laast van September of p=mo 8ber, zouden hebben konnen ontvangen, met den 3e februarij laastgem„ datum zoude ophouden, en dat zij bedienden gemelde Leveranciers. uit dien hoofde, een maand en ses dagen rente ofte van Primo Aber tot den 6gber op een somma van 64000 Ropijen s„o ofte ƒ100800:—:—: welke zij, op laastgem: datum van het ¾ bedragen der Aanbestee„ „dings memorie na ruwe aalculatie der ingebrachte partijen voor de eerste maal ontvangen hadden, minder hadden goed gedaan, en hen dus het nadeel van den vrloopen interest zelfs laaten draagen, nademaal zij dat geld zo wel op Pmo. october als den 6 gber hadden konnen ontvangenen boven dien, daarvan gewaarschouwd waren, zo is aangezien deze beschik „king der bedienden zeer rechtma„ „tig, en de vergadering met haar van gevoelen is, dat de Comp„e uit Com„ „plaisance voor de heidensche bijgelovig¬ „heid en koppigheid niet verplicht is rente te betaalen in een tijd, dat haare voorraad van Contanten den 3 februarij laast gem„ permits 117 den 3„e februarij der vermunting het benodigde aante houden de benodigde verstoffente voorsien permitteerde het capitaal zelfs afte, „leggen, en men dat volk eens met nadruk diende te overtuigen, dat de con¬ „tracten niet pro forma gemaakt wor„ „den; goedgevonden en verstaan, zulx vol= „komen te approbeeren de bed: gepermiteerd om mit het proveru De bedienden wijders te kennen gevende, dat haare voorraad van con„ „tanten uit aanmerking, dat de zyde Stoffen voor Japan en Ceilonnogg moesten betaald worden, niet had toe„ „gelaaten de Leveranciers van gem„ stoffen en de Lijwaaten pro Patria dat het E Opperhoofd hun gepersua„ „deert had, daarmeede, tot een beetere, „geleegenheid geduet te hebben en dat tot den inzaam van Peuwe Pattenie en Mochta, uit de 9ber teelt en an„ „dere noodwendige uitgiften den ge„ „reeden penning meede haast ont¬ „breeken zal, nademaal er, behal„ „ven een gering restant in de Dage¬ „lijkse Cassa van r=m 3700: Ropijen, welke den 3„en februarij ook al voor een groot gedeelte tot ongel¬ „den te Jellingij, g'emploijeert hebben moeten worden; niet meer als s=r r:o 18000:- ofte ƒ28350– in voorraad waren die als gezegt, tot de Stoffen voor Japan en Ceilon dienen moesten, zo is goedgevonden en verstaan, de be„ „dienden, conform hun verzoek vrij= heid te laaten, om tot voldoening van het geenier nog moet worden af¬ „betaald, uit het provenu der laaste vermunting eene toereikende portie te mogen, aanhoúden. aangemaakt wordende woning en andere gebouwen in de Munt te kariem Abaad de benodigde verfstoffen, ginter wijnig of niet te bekomen en Exessief duur zijnde; en de bedienden mits dien verzoek doende, om een vat wit Loot 10 a 15 lb Spaansgroen, eenige Tonnetjes zwartsel en een paar dousijn verfquas¬ „ten in soort, is geresolveerd hen van het een en ander bij geleegenheid den verdiende Interest te voldoen, maar beslut om her bij gelegenheid van Tot het schilderen der nieuw ook te 118 119 den 3„e februarij den 3 februarij naar Pattena. veld dat de pretensie en Pagten nopens Htoevenaar, wettig zyn wegens te voorzien het zij, uit de voorraad. der Equipage pakhuisen of zo als dat door den E: Hoofd-Administrateur geschikt zal konnen worden. Pointen van Rescriptie Al verder getreeden zijnde tot verantwording van 't opperhofd reet de resumptie van een brief van de bedienden te Pattena, de dato 21„e passato, werd bij dezelve onder ande¬ „re gezien, dat het Opperhoofd Rietveld, over de hem in het bijzon„ „der gedaane scherpe reproches, bij brieve van den 29„e der laast ver¬ „weeken maand December, zo om het geval van de ringmuur aan de z: O: zijde van 's Comp„s Loge als wegens de afaire raakende den gerepatrieerden derde persoon Ludolf Hoevenaar op alles wat hem dierbaar is verklaard, dat het hem, op het gevoeligst en in zijn zeil trof van zig, onder alle zijne pogingen, en de vlijt die hij aan„ „wende om wel te doen, bij zijne superieuren in verdenken ge¬ „bracht te hebben, en in publieke pa„t „pieren, zo heftig ten toon gesteld te zien. Dat hij te veel veneratie had voor de Geenen die over hem zijn gesteld, dan dat hij, daar over en weder schrijven, of met zig te pontschuldigen het misnoegen van zijne g'eerde gebiederen, ten zijnen opzicht, zoú aankweeken en zig dus omtrent de eene bijzonderheid, ofte aangaande den klager, over Hoevenaar, maar zoude zuiveren en aantoonen dat hij niet opge„ „raapt is, en de nadeelige gedagten van dit Ministerie hier omtrent in alle haare bijzondere betrek¬ „kingen, in der daad, buiten eenige oorzaak waren. Om zulx te bewijn„ „zen overzenden de eene Attesta¬ „tie door dien inlander gepasseerd inverte van een bewysden welke hier onder volgt. „bracht Heeden

NL-HaNA_1.04.02_3196_0067 view scan ↗

English

120 121 The 3rd of February The 3rd of February Today, the 12th of January 1767. Appeared before me, Antonij Hardij, Junior Merchant and Secunde of this office, duly authorized for the passing of all notarial deeds and papers, in the presence of the witnesses to be named hereafter, the money changer Ledsmonsing, assisted by the native Sosteram to serve him as an interpreter in the Portuguese language, who, at the requisition of the Honorable Cornelis Rietveld, Merchant and Chief here, declared that the bookkeeper and former third person in rank here, Ludolf Hoevenaar, in the month of August last, having borrowed through his channel from the money changers Fettusjent and Geantsjent a sum of four thousand and one Sicca Rupees under the pretext of wishing to invest the same in the salt trade, had departed therewith to Hoeglij; that upon the rumor that the said Hoevenaar was to go to Europe, he, the appearer, had addressed himself to the Chief and lodged his complaint, at the same time asking from whom he should claim back the said monies; that the said gentleman had given him as an answer to have some more patience with this, and not to be anxious about these funds; that after various repetitions of his complaints, it was promised to him by the frequently mentioned Chief that this debt would be paid immediately after the arrival of the appointed Third, Tobias; but that the said appearer, not keeping himself content therewith, having made his complaint again several times fruitlessly, had finally declared to the honorable requisitionist the prejudice that the Dutch in general, and the Honorable Company in particular, would come to suffer in their credit thereby, since this conduct of the aforementioned Hoevenaar was already known to all the natives, and he now found himself deprived of these monies, on whose prompt payment his principals and he himself had rested assured. The above having been made known to the appearer in the Moorish language, he declared this to be the pure and sincere truth, giving as reason of knowledge as in the text; he further declared that among prominent persons it was not the custom to swear, since their word was their seal; while Sosteram attested to have proceeded in the translation in good faith and sincerely, likewise holding himself to his word. Thus done and executed in Patna on the day aforesaid, in the presence of the Bookkeeper Casparus Leonardus Eilbracht and Assistant Willem Cadet as witnesses. The minute hereof is duly signed and written on a stamp of 12 stivers. Underneath: quod attestor, signed: Ant: Hardij. 122 123 The 3rd of February The 3rd of February and resolved to write back the adjacent entry of the sworn statements concerning the detention of the fleet at Radje Mchel. the provision of 100 r to Sergeant Amelunge passed After resumption of the same, the meeting remarked that this paper did indeed show that Ledsmensingk lodged his complaint with the frequently mentioned Chief regarding Hoevenaar, but that it could simultaneously also serve as proof that one was not ignorant that Tobias, as replacement for Hoevenaar, would pay the debt in question; wherefore it was also resolved to present this to the servants in reply to the Chief's defense and at the same time to inform them that consequently there was no necessity to make mention of this in the Company's papers, because the credit of the Company in these regions is all too well established for it to suffer a blow from such trifles. Furthermore, it was understood to approve that the servants provided to Sergeant Amelungen, who escorted the dispatched opium hither, 100 Sicca Rupees, or 175 guilders, for making payment of courier expenses, etc., as well as having made in the instructions handed to him this addition: to give notice to the Chief and the Council at Kassimbazaar on approaching Radjemehol when he counted on being at Tellingij. Two sworn statements having been sent over regarding what the escort under

Dutch transcription

120 121 den 3„e februarij den 3„e februarij eeden den 12e: Januarij 1767. Compareer¬ „de voor mij Antonij Hardij onderkoop„ „man en Secunde deezes Comptoirs, tot het passeeren van alle Notarieele ac¬ „tens en papieren behoorlijk g'autori= „seert, present de natenoemene getui„ „gen den wisselaar Ledsmonsing, ge„ assisteerd door den Jnlander Sosteram om hem in de Portugieze taal, als Tolk te dienen, dewelke ter Requisitie van den E: Heer Cornelis Rietveld Koop¬ „man en Opperhoofd alhier, verklaarde als dat de boekhouder en geweeze derde alhier Ludolf Hoevenaar, in de maand Augustus laastleeden door zijn Ca„ „naal van de wisselaars Fettusjent en Geantsjent opgenomen, hebben „de, Eene somma van vier Duisend en Een Sicca Ropijen, onder voorgave dezel¬ „ve in den zout handel te willen be= „steeden, daarmeede naar Hoeglij- was vertrokken; dat op het gerugt dat gem: Hoevenaar naar Europa zou gaan, hij Comparant zig aan het opperhoofd g'addresseert had, en zijn beklag had gedaan, teffens vragende van wien hij gem: pennin¬ „gen zoude hebben weeder te Eisschen dat gem: Heer hem tot bescheid had, gegeven, hier meede nog wat ge„ „dult te hebben, en over deese gelden niet bevreest te zijn, dat naar diverse her„ „halingen zijner klagten hem door het meerm: Opperhoofd belooft was, dee„ „ze schuld, terstond naar d' opkomst van den geligeerde Derde Tobias zou¬ „de werden voldaan, dog dat gem: Com„ „parant zig daar niet meede te vreede houdende, zijn beklag weeder diverse reise vrugteloos gedaan, hebbende, Eindelijk aan den E: requirant gede„ „clareert had, het Nadeel dat de Hol„ „landers in het algemeen, in d' E Comp„s in het particulier daar door in haare crediet zoude komen te leiden, alzoo dit geddente van bo„ „vengem„e Hoevenaar, reets bij alle Jnlanders bekent was, en hij zig tans verstooken vond, van deese penningen, op welkers prompter voldoening zijne „principalen en hij zelve zig gerust hadden. Het bovenstaande de Comparant. in de Moorsche taal te verstaan ge¬ „geeven zijnde verklaarde hij zulx de zui„ vere en opregte waarheid te zijn: gee¬ vende voor reeden van weetenschap als in den Text; voorts verklaarde dat het onder groote heedenen geen had gewoonte 122 123 den 3„ februarij den 3„e februarij en besleet om 't nevenst: te rescrebeeren inschryving der beEedigde verkla„ ringen nopens 't aan houde der Vloot te Radje Mchel. de verstrekking van 100 r aan den sergeant Amelunge gepasseerte gewoonte was te zweeren: vermits hun woord hun zegul was; terwijl sosteram betuigde in de vertaaling ter goeder trouwe en opregt gegaan te zijn, zig meede aan zijn woord houdende. Aldus Gedaan en Gepasseert. Jn Patna ten dage voorsz: ter presentie van den Boekhouder Casparus Leo¬ „nardus Eilbracht, en Assistent. Willem Cadet als getuigen, de Minu¬ „te deses is behoorlyk geteekend en op een zegul van 12 stijvers geschreeven /:daaronders quod Attestor /:geteek/ Ant: Hardij resumptevan t selve Na resumptie van dewelke de vergade¬ „ring remarqueerde dat dit papier wel aantoonde dat Ledsmen singk zijn beklag bij het meerm„r Opperhoofd over Hoevenaar gedaan heeft, maar dat het tevens ook dienen kon tot een bewijs dat men niet onkundig is geweest, dat Tobias, als vervanger van Hoevenaar, de Schuld in questie zou betaalen, weshalven dan ook ge¬ „resolveerd wierd, de bedienden zulx in antwoord van 's Opperhoofd de„ fensie voor te houden en tevens te ken¬ „nen te gevens dat er gevolgelijk geen noodzaakelijkheid geweest is, hier van bij 's Compagnies papieren mentie te maaken, want dat het Credit van de Maatschappij in deze gewesten, al te wel is geetablisseerd, dan dat het door zulke beuzelingen een krak zou krijgen. Wijders is verstaan te approbeeren dat de bedienden aan den sergeant Amelungen, die de afgezonden Afi= oen herwaards g'escorteerd heeft S„r r„o 100, ofte ƒ175:— tot het doen van ka„ „zeds ongelden enz, vertrekt, mitsgaders. in de hem ter hand gestelde Instruc¬ „tie gemaakt hadden, deze am„ „pliatie om in het naderen van Rad= „jemehol aan het Opperhoofd en den Raad te kassimbazaar kenniste geven, wanneer hij staat maakte te Tellingij te zijn. Overgezonden zijnde twee b'eedigde verklaaringen, van het geen de onder „fensie escorte

NL-HaNA_1.04.02_3196_0069 view scan ↗

English

124 125 the 3rd of February the 3rd of February escort of Ensign Castel sent upriver, was treated at Radjemaholl, and which have been required by letter of the 29th of December last, the same are inserted here for consideration. Today, the 20th of January, Anno 1767: Appeared before me, Cornelis Rietveld, merchant and head of this factory, duly authorized and sworn to draw up all notarial acts, in the presence of the witnesses to be named hereafter, the honorable and valiant Paul Gibou Castel, ensign, Iacob Reimer, surgeon, Iohannes Hip, sergeant, and Pieter Spolders, corporal, all having arrived in their said capacities with the fleet that recently arrived here; who jointly and each of them in particular, pursuant to the highly respected letter from the Director and Council of the 29th of December of the past year, and in support of the truth, declared; and firstly, all four appearers: That, while sailing past Raadsjemahol, they were forced by a chouki boat of the faujdar there to moor and were ordered to pay the custom, but some time thereafter, without having handed over anything, they pushed off again. That, having sailed upriver for about a quarter of an hour, they were forced once again to moor by a native sarkar, an English sergeant, and four sepoys in the name of the said faujdar. That thereupon a gunner's mate was sent to Radsjemahol, with orders, as the first three appearers declared, to inform the faujdar that the first appearer was provided with the necessary orders to pay nothing, and that the damages caused by a long detention would be charged to his account, of which message the fourth and last appearer, not having been present thereat, testified to know nothing. And subsequently, the three first appearers declared that the dispatched gunner's mate, having returned, reported as the answer of the faujdar that the gift goods specified on a list given to him and 200 rupees in cash had to be delivered, and that the fleet could then depart, but upon refusal it would have to remain lying there until he, the faujdar, had written to Kassenbazaar about it. That 126 127 the 3rd of February the 3rd of February That after the expiration of three days, the same sarkar, having returned in the name of the faujdar, had come to say that if the Daroga were left with him as a pledge, the fleet could then push off, but that the surrender of this man was refused by him, the first appearer, as an impossible matter for him. That four sepoys remained with the fleet for two days, and the vessels having been detained there for nine days, the often-mentioned faujdar, after the expiration of that time, had sent a chobdar with orders that the fleet could depart, whereupon they had also immediately pushed off and continued their voyage. The appearers declared the foregoing, each in so far as he has declared, to contain the pure and upright truth. Giving as reason for their knowledge having thus seen, heard, and attended it, being ready to confirm the deposition under oath at all times, if required. Thus done and passed in Pattena, on the day aforesaid, in the presence of Casparus Leonardus Eilbracht and Willem Cadet as witnesses. The minute of this is duly signed /:below stood:/ Quod Attestor (was signed:/ Cs Rietveld. Today, the 20th of January 1767. Appeared before me, Cornelis Rietveld, merchant and head of this factory, authorized and sworn to draw up all notarial acts, in the presence of the witnesses to be named hereafter, Andre Ouvri, gunner, having arrived with the fleet under Ensign Castel, who, pursuant to the respected letter from Houglij of the 29th of December of the past year and in support of the truth, declared: That Ensign Castel, after the vessels near Ragimahol were forced to moor by an English sergeant and 5 to 6 sepoys, had sent him, the appearer, to the faujdar of that place to inquire whether this detention took place by his order and what was his desire. That he, the appearer, had thereupon departed with the English sergeant to the said faujdar and had put the aforesaid question to him; that the faujdar, in the presence of the English sergeant who had gone with him and another who was present there, had declared to him that the detention of the fleet had taken place on his order, and that he desired the custom that he was accustomed to receive annually. That he having asked the faujdar what that consisted of, the latter had named to him a heap of goods, which, being too numerous to remember, by him, appearer

Dutch transcription

124 125 den 3e februarij den 3„e februarij escorte van den vaandrig Castel naar boven gezonden vloot, bij Radjemaholl bejeegend is, en welke gerequireert zijn bij brieve van den 29„e Xber Jleeden, wor„ „den dezelve alhier ter speculatie ge„ insereert. Heeden den 20e„ Januarij A„o 1767: Compa¬ „reerde voor mij Cornelis Rietveld koop„ „man en opperhoofd deezes Comptoirs behoor¬ „lijk g'authoriseert en b'eëdigt tot het ma„ „ken van alle Notarieel actens, preesent de natenoemene getuigen d' E: Manhaf„ „te Paul Gibou Castel, vendrig, Iacob Rei= „mer Chirurgijn, Iohannes Hip Ser¬ „geant en Pieter Spolders Corporaal, alle in hunne gezegde functie opgekomen, met de onlangs alhier g'arriveerde Vloot; ae„ „welke te zaamen en een ieder van hen in 't Bijzonder, ingevolge zeer g'eerd aan „schrijvens van den Heer Directeur en Raad van den 29„e xber A: p: en tot voorstand der waarheid verklaarden; en Eerstelijk alle vier de Comparanten. Dat zij in 't voorbijvaaren te Raadsje¬ „mahol door een tsjoukiboot van den fausdaar aldaar gedwongen waaren geworden aan te leggen en aangezegt om de Coustumade te betaalen, dog een poostijd daarna zonder iets afgelangt te hebben, weeder afgestooken waaren. Dat zij omtrent een quartier uur opgevaaren zijnde, door een Inlands sercaar Een Engelsche sergeant en vier sipahis andermaal uit naam van gezegde fausdaar waaren gedwon„ „gen om aan te leggen. Dat hier op Een Constabelmaat naar Radsjemahol was gezonden geworden, met ordre, om zo als de drie Eerste Compa„ „ranten verklaarden den fausdaat te berigten, dat de Eerse Comparant voorzien was, met de noodige ordres om niets te betaalen, en dat de schaade„ door een lange aanhouding veroorzaakt wordende, voor zijn Reekening wierden gelaaten, van welke boodschap de vier„ „de en laatste Comparant, als daar„ bij niet present zijnde geweest betuig¬ „de niets te weeten. En vervolgens de arie Eerste Com¬ „paranten, dat de uitgezondene Con= „stabels maat terug gekoomen, zijn „de, voor antwoord van den fausdaar berigt had, dat de scenkagie Goederen op een aan hem meede gegeevene lijst gespecificeert en 200 rop„s aan Contanten moesten bezorgd worden, en dat de vloot dan vertrekken kon, dog bij weigering zou moeten blijven Leggen tot dat hij fausdaar daarover naar kassen bazaar geschreeven zou hebben. geworden Dat 126 127 den 3e februarij den 3e februarij Dat na verloop van drie dagen, dezelve sercaar terug gekomen zijnde uijt naam van den fausdaar had komen zeggen, dat zo den Daroga bij hem, in pand wierd gelaaten de vloot als dan kon afsteeken, dog dat de overgave van deese man door hem Eerste Comparant, als een onmogelijk zaak voor hem geweigert was. Dat vier Sipahis twee dagen bij de vloot gebleeven en de vaartuigen neegen dagen lang, aldaar opgehouden zijnde, de dik gerepte fausdaar, na verloop van die tijd, een sjobdaar gezonden had, met ordre dat de vloot vertrekken kon waar= op zij dan ook onmiddelijk waren af= „gestooken en hunne reise vervordert hadde. Het voorenstaande verklaarden de Com„ paranten, een ieder voor zo verre hij ge¬ „declareert heeft, de zuivere en opreg„ „te waarheid te behelsen. Gevende voor„ reeden van Weetenschap, het dusdaanig gezien, gehoort en bijgewoont te hebben bereid zijnde het gedeposeerde des gere„ „quireert wordende, ten allen tijden met Eede te bekragtigen. Aldus Gedaan en Gepas¬ „seert te Pattena, ten dage voorsz ter presentie van Casparus Leonardus Eilbracht en Willem Cadet als getuigen. De minute deses is behoorlijk getee„ „kend /:onderstond:/ Quod Attestor (was geteekend:/ C„s Rietveld. Heeden den 20e Januarij 1767. Com¬ „pareerde voor mij Cornelis Rietveld Koopman en Opperhoofd deezes Comptoirs Gautoriseert en b'eedigt tot het maaken van alle Notarieele Actens, present de na¬ „tenoemene Getuigen, Andre Ouvri Con„ „stabel opgekoomen met de vloot onder den vaandrig Castel, dewelke ingevolge G' Eerd aanschrijven van Houglij van den 29„e xber A: p„s en tot voorstand der waar„ „heid verklaarde: Dat de Vendrig Castel na dat de vaartuigen na Ragimahol door een Engelsche sergeant en 5 a 6 si„ „pahis, waaren genoodzaakt aanteleggen hem Comparant, naar den fausdaar van die plaats gezonden, had, om te verneemen of deese ophouding uit zijn last geschie „de en water van zijn begeerte was. Dat hij Comparant daarop met de Engelsche sergeant, naar gezegde fausdaar was vertrokken en hem de voorsz vraage gedaan hadde, dat de fausdaar hem hier op in presentie van de Engelsche sergeant die met hem gegaan was, en nog een ander, daar teegenswoordig, had gede„ „clareert, dat het aanhouden der Vloot op zijn ordre was geschied, en dat hij de costumade begeerde, die hij gewoon was s' jaarlijks te ontfangen. Dat hij de fausdaar gevraagt hebbende, waarin dat al bestond, deeze hem een hoope goederen opgenoemt hadde, die te me„ „nigvuldig om te onthouden, door hem Heeden Comparant

NL-HaNA_1.04.02_3196_0071 view scan ↗

English

128 129 the appearer requested to have placed on a list, so that he could thus make a proper report to his officer. That he had thereafter handed him a signed list, which he, the appearer, upon his return, had delivered to the officer of the fleet. That he, the appearer, having asked whether anything had now been forgotten, had declared to the said Faujdar that he wished to depart, and had likewise requested to be permitted to know whether the fleet could set sail. That the Faujdar, in response to this question, had answered him that he would indeed allow the vessels to depart, but that one must deliver someone to him for his security, either the Daroga or another, if one might not be in a position to satisfy his petition. That they were arrested on the 27th of November and had departed again on the 6th of December at twelve o'clock at noon. The foregoing having been interpreted to the appearer in the Portuguese language, he declared the same to contain the pure truth, giving as reason for knowledge as stated in the text, being prepared, if required, to confirm the deposition with a solemn oath. Thus done and passed in Patna on the day aforesaid, in the presence of Casparus Leonardus Eilbracht and Willem Cadet as witnesses. The minute hereof is properly signed; underneath stood: Which I attest; signed: Cornelis Rietveld. Thus reviewed and sworn in Patna on the day aforesaid, in the presence of Casparus Leonardus Eilbracht and Willem Cadet as witnesses; underneath stood: In my presence; was signed: Cornelis Rietveld; in the margin: Present with us; was signed: Casparus Leonardus Eilbracht, Willem Cadet. So truly help me God Almighty and this Holy Gospel. Today, the 21st of January 1767, appeared once again before me, Cornelis Rietveld, and the two witnesses who assisted in the aforesaid declaration, Andre Ouvri, mentioned in the said attestation, which having been read to him again and explained de novo in the Portuguese language, he steadily persisted therein, confirming the same with a solemn oath in the Roman Catholic manner, placing his right hand upon the Gospel of John and uttering these words: Assim verdadeiramente Deus me ajude e este santo Evangelho. the 3rd of February Today or 130 131 the 3rd of February the February To send to Batavia and to honor the drawn bills of exchange with payment on the due date. of December passed. Incorporation of the findings of the under- goods. and it was likewise approved to send these attestations on this occasion, or with the Welgelegen, in copy to Batavia for such purpose as has already been cited in the general letter of the ultimate of January. Regarding two bills of exchange negotiated by the servants, amounting to the sum of Sicca Rupees 56001: — to be satisfied here without agio after twenty-one days sight, it has been resolved to honor those drafts with payment in due time, and likewise to recommend the servants to do their best to take as much money on bill of exchange as they might require for the payment of the still outstanding debts. The cash account and money employment The transmitted cash account of the month of December, having been examined by the Honorable Chief Administrator and no excesses or errors having been discovered therein, it was understood to pass the same, with the money employment shown in the letter in the above-mentioned month. Finding of the short weight and measure on the goods mentioned below, among others brought here on the 24th of December last with the Ensign Castel, regarding which the honored disposition of the Noble Worshipful Director and Council is requested by the undersigned second of this office, in order to guide himself accordingly in debt in the trade books, namely: Cloves short on 48 chests which according to invoice should have contained 4800 lb Net, but have, according to the annexed report, weighed no more than 4760 lb, thus in short weight 40 lb as above or 1/6 percent. 28¼ lb Nutmegs in 33 chests, which should have yielded 3800 lb and have achieved no more than 3771¾ lb, consequently short 28¼ lb as just mentioned, or 1/152 percent. sent with the Ensign Castel, according to which was resumed a finding, also received, of the goods sent with the Ensign Castel, drawn up from a report annexed thereto of the Commissioners Eilbracht and Cadet, and which, in so far as the contents thereof relate to the spices, is properly confirmed with oath, and is hereby inserted with the finding. Subsequently 12½ lb the 40 lb in

Dutch transcription

128 129 Comparant verzogt waaren op Een Lijst te willen stellen, om alzo zijn officier behoorlijk verslag te kunnen doen. Dat hij hem daarna, een geteekent lijst had ofhandigt, die hij Comparant op zijn terug komst, aan de officier van de Vloot overge„ „geeven had. Dat hij Comp„t gevraagt hebbende of er nu niets vergeeten was, den gezegden Fausdaar had gedeclareert om te willen vertrekken, en tevens verzogt had, om te moo„ „gen weeten, of de vloot afkon steeken. Dat de fausdaar hem op deeze vrage had te gemoet gevoert de vaartuigen- wel te zullen laaten vertrekken, dog dat men hem iemand tot zijne verzeekering 't zij den Daroga of een andere moest over¬ „leeveren, als men niet in staat zijn mogt om zijn petitie te voldoen Dat zij op den 27„e 9ber g'arresteerd en den 6e December 's middags om Twaalf uu „ren weeder vertrokken waaren Het voorenstaande de Comparanten in de portugeese Tale vrolkt zijnde, verklaarde hij zulx de zuivere waarheid te behelsen geevende voor reeden van weetenschap als in den Text bereid zijnde, het gedeposeerde, der reischt wordende met solemneele Eede te bekragtigen Aldus gedaan en Gepasseert in Patna ten dage voorsz, ter presentie van Casp„ Leond: Eilbracht en Willem Cadet als getuigen. De minu¬ „te deses is behoorlijk geteekend /:onderstond/ Quod Attestor /:geteek/ C„s Rietveld. Aldus Gerecolleert en be¬ „eedigt te Patnia ten dage voorsz ter presentie van Casparus Leonardus Eilbracht, en Willem Cadet als getuigen. /:onderstond:/ in kennisse van mij /:was geteekend Cornelis Rietveld (:ter zijde/ ons present /:was geteekend/ Casp Leon: Eilbracht W=m Cadet. zo waarlijk helpe mij God Almag„ „tig en dit Heilig Evangelium Heeden den 21e: Januarij 1767. Compareerde an¬ „dermaal voor mij Cornelis Rietveld en de twee bij de voorsz verklaaring g'assi= steerd hebbende getuigen, Andre Ouvri bij de gezegde attestatie vermeld, dewel„ „ke hem weeder voorgeleesen, en in de por„ „tugeesche taal de novo te verstaan gege „ven zijnde bleef hij daar bij onveran¬ „derlijk persisteeren; bevestigende dezel„ ve met solemneele Eede op de Roomse wijze onder het leggen van zijn reg¬ ter hand op 't Evangelium Johannes en het uitten dezer woorden Hinsi verdaderamento Deos Iuda a mi mais isto sancto Evangelio den 3e februarij Heeden ofte 130 131 den 3 februarij den februarij Batavia te zenden en de getrokkene wissels op„ vervaldag met betaling te honoreeren van X=a gepasseert inlyving der bev: van de onder goederen beslet on die beuysenaar en is tevens goedgevonden die Attestatien te dezer geleegenheid, ofte met Welgelee„ „gen, in Copia naar Batavia te zenden ten zodanigen fine, als bij de generaa„ „le brief van ult„o Ianuarij, reets is aangehaald. Op twee wissels door de bedn gene¬ „gotieert zijnde een bedraagen van S=rr 56001: — om zonder agio, na een en twintig dagen zigt alhier voldaan te worden is beslooten die traites op haar tijd met betaaling te hono¬ „reeren, en de bed=n tevens te recom¬ mandeeren haar best te doen, zo veel geld op wissel te neemen, als zij tot afbetaaling van de nog voortlopende schulden mogte benodigt zijn De kassa reek:t en geld Employ De overgezonden Cassa reekening van de maand December, door den E Hoofd=Administrateur nagezien en in dezelve geen excessen of erreti¬ „ren ontdekt zijnde, is verstaan dezel „ve, met het bij de brief vertoonde Geld Emploij in bovengem: maand te passeeren Bevinding van het minwigt en ondermaat op de natemeldene Goederen, onder meerder op den 24„e xber Iongstleeden met de Vaandrig Castel alhier aange„ „bragt, waaromtrent door den ondergeteekende se„ „cunde dezes Comptoirs, de G'eerde Dispositie van den Edele Achtb„e Heer Directeur en Raad ver„ „zogt word, om zig daarvan bij de Negotie boeken schuldpligtig te rigten Namentlijk er Nagulen te min op 48 kisten dewelke volgens aan k „reek: hadden moeten inhouden. st 4800 lb Netto, dog hebben, uitwijzens Neevenleggende k Rapport niet meer gewoogen dan 4760 „ dus aan onderwigt 40 lb als boven of 1/6 pC=to 28¼ „ Nooten in 33 kisten, welke hadden moeten uitleeveren i 3800 lb en hebben niet meer behaald aan 3771¾„ Over zulx te min 28¼ lb als eeven dan wel 1/152 pCto don Vendrig Castel opgesondene volgens werd geresumeerd eene meede overgekomen Bevinding van de met den Vendrig Castel opgezonde goederen, opgemaakt uit een, daar,s aan, geannexeerde rapport van de Gecommitt=n Eilbracht en Cadet, en het welk voor zo verre den inhoud van dien, op de specerijen relatie heeft, behoorlijk met Eede bekrachtigt is, en met de bevinding bij deeze geinsereerd word. Vervolgens 12½ lb de 40 lb in

NL-HaNA_1.04.02_3196_0073 view scan ↗

English

133 The 3rd of February The 3rd of February 12½ lb Cinnamon in 11 bales, which were charged as 800 lb Net and only found to be 787½ lb, thus a deficit in weight of 12½ lb as aforesaid, or 1 3/16 per cent 9½ lb Pepper in 26 bags, which according to the invoice should have yielded 2500 lb Net, and have only delivered 2490½ lb, therefore a deficit in weight of 9½ lb as above, or 3/50 per cent 47¼ lb Tin on a parcel of 15001¼ lb which did not weigh more than 14954½ lb, thus short 47¼ lb as stated, or 27/67 per cent 65¼ lb Spelter which according to the invoice should have weighed 9915¾ lb, but here did not yield more than 9850½ lb, thus a deficit in weight of 65¼ lb, or 3/44 per cent 2 ells Satin Sundry in 3 pieces which according to the Hugli invoices should have contained 108 ells, and together have only yielded 106 ells, thus a short measure of 2 ells as above, or 1 3/27 per cent 1½ ells Gold and Silver Moiré in 5 pieces which according to the invoice should have been in total length 112¾ ells, and have only measured according to the Report 111½ ells, therefore a short measure of 1½ ells as stated, or 1 1/3 per cent 9 1/32 ells Velvet Sundry in 12 pieces which according to the invoice should have been in length 419 ells, and have together only yielded 409 23/32 ells, thus a short measure of 9 1/32 ells as above, or 2 3/10 per cent In compliance with Your Honor's order, we have attended the opening, weighing, and inspecting of the goods brought by the Venarig Castel on the 24th of December last, and found the same, as we have the honor to demonstrate below. 280 pieces of Tin weighing together 14954½ pounds, being 47¼ pounds less than was invoiced 524 pieces of Spelter amounting in weight to 9850½ lb, or 65¼ pounds less than is invoiced In the case No 1, which was properly planed and held the gross weight, were found: 1 piece Red satin No 1379, length 31¾ ells, being 2 ells less Master. 18½ ells Cloth Sundry in 14 pieces, which according to the invoice should have contained 491½ ells, and according to the report only found in total 473 ells, thus a short measure of 18½ ells as stated, or 3¾ per cent underneath was written: In the Netherlands Factory Patna, the 18th of January 1767; was signed: Ant. Haraij. To the Honorable Sir Cornelis Rietveld Merchant and Chief at the Netherlands Factory Patna. 18½ ells 132 6 134 1357 The 3rd of February less than is invoiced on the Memorandum 1 piece Red satin No 1383, length 37 ells, as is invoiced 1 ditto Green ditto No 1382, length 37½ ells, or 1½ ells less than on the Hugli Memorandum 1 ditto Red Silver Moiré No 1362, length 34¾ ells, being ¼ ell less, torn off at one side 1 ditto Green ditto ditto No 1300, length 32 1/16 ells, and charged for 32½ ells, and torn off on one side namely: 1 remnant silver with Gold Flowered Moiré, length 15¾ ells, known on the memorandum to be 15¼ ells in length, distinguished with No 6707, and is half of the piece, as the ticket attached to it states that the piece was in size 31 ells 1 remnant White silver Flowered Moiré No 6700, length 3 7/16 ells, and is invoiced for 15 ells; the ticket attached to it states 28½ ells, is therefore only [illegible] half a piece. ditto Red Gold Moiré Flowered, length 15½ ells, or 7½ ells more than is invoiced. 1 piece Violet Flowered Velvet No 12, invoiced as Red, length 34¼ ells, or ½ less than it should be, and besides the shortage also somewhat stained 1 piece Red No 429, length 30¼ ells, or ¾ ell less ditto Plain No 12, length 34 1/32 ells, and is invoiced as 35 ells. 1 ditto also Plain No 5, length 33½ ells, or 1 ell less 1 ditto ditto No 6, length 33¼ ells, or ¾ ell less 1 piece Green plain Velvet No 6, length 34 7/8 ells, and according to the invoice should have been 36 ells 1 ditto No 7, length 33 7/8 ells, and should have been 30½ ells, is above In the case No 3 were found the following pieces of Red Cloth: 1 piece No 959, length 34¼ ells, invoiced for 36 ells, damaged by moth In the case No 2, having weighed gross 167 lb, the following Green Cloth was found: 1 piece No 949, length 29¼ ells, and according to the Memorandum should have been 31 ells, has no selvedge on one side and is very damaged with holes. 1 ditto No 968, length 37¾ ells, and according to the invoice should have been 40 ells, is very stained ditto No 988, length 37½ ells, and should have been 39 ells, is moreover full of holes. 1 remnant Green Cloth distinguished on the Memorandum with No 957, but has no number, was found in length to be 14½ ells and invoiced for 15 ells, and in several places eaten through by Moth. therefore tainted with small stains. 1 piece No 2, length 33¼ ells, and should have been 34½ ells, has also small stains, like the other piece. 1 ditto Flowered No 11, length 34 ells, and is entered on the Memorandum as 36 ells. 1 ditto ditto No 12, length 33¼ ells, and is invoiced for 34 ells, is 1 ditto Violet Flowered velvet No 5, length 32 7/8 ells, is invoiced for 34¼ ells, and 1 ditto Yellow Flowered velvet No 10, length 35¼ ells, and according to the Memorandum should have been 36 ells.

Dutch transcription

133 den 3en februarij den 3en februarij 12½ 1lb Canneel in 11 baalen, die aangereekent zijn met 800 lb Netto en is maar bevonden. 7872„ „ dus aan minwigt 12½ lb als vooren ofte 1 3/16 pC=to 9½ „ Peeper in 26 zakken, welke volgens aanschrijven had „de moeten Rendeeren 2500 lb Netto, en hebben maar uitgeleevert 2490½ „ Over zulx aan minwigt 9½ lb als boven dan wel 3/50 PrCto 47¼ „ Thin op Een Partij van 15001¼ lb die niet meer gewoogen hebben dan 1495472 „ dus te min 47¼ lb als gezegt of 27/67 pC=to 654 „ Spiaulter die volg„s aanreek: hadde moeten weegen 9915¾ lb dog alhier niet meer gerendeert hebben dan 9850½ „ dus aan minwigt 657¼ lb dan wel 3/44 PC=to 2 @ Satijn Diverse op 3 p„s dewelke volgens Hoeglische aanschrijvens hadde moeten houden. 108 @ en hebben te zaamen maar gerendeert 106 „ dus aan ondermaat PrCko 2 @ als boven dan wel 1 3/27 1½ „ Goud en Zilver Moir op 5 p„s dewelke volgens fac„ „tuur hadden behooren t'zamen lang te zijn 112¾ @ en hebben maar gemeeten volgens Rapport 111½ „ over zulx aan minder maat 1½ @ als gezegt dan wel 1 1/3 pC=to 91/32 „ Fluweel Diverse in 12 p„s die volg„s aanreek: hadde moeten Lang zijn. 419 @ en hebben maar tezamen gerendeert 409 23/32 dus minder maat 9 1/32 @ als boven dan wel 2 3/10 PC=to Jn nakooming van Uw E: E bevel, hebben wij ons vervoegt bij 't openen, weegen en Nazien der met den Venarig Castel op den 24„e December passato aangebragte goe„ „deren en dezelve bevonden, gelijk wij de et Eere hebben, hieronder aan te toonen. 280 stukken Thin Te zaamen weegende 14954½ pon„ st „den 47¼ pend minder als aangeschreeven is 524 _„o Spiatilter aan gewigt bedragende 9850½ lb in dan wel 65¼ pond=s minder als is aangeschreeven & In de kas N„o 1: die behoorlijk geschapt is ge„ „weest, en het brutto gewigt heeft gehouden 1 zijn bevonden 1 stuk Rood satijn N„o 1379 L9. 31¾ @ a f 72 min„ Gebieder. 18½ @ Laaken Diverse in 14 stukken, dewelke volgens aan „schrijvens hadde moeten houden 491½ @ en volgens rapport is er in 't geheel maar bevonden 473- „ dus aan minder maat 18½ @ als gezegt ofte 3/¼ Pr C=to /:onderstond:/ In 't N„s Comptoir Patna den 18„e Janu„ arij 1767 /:was geteekend:/ Ant: Haraij. Aan den E Heer Cornelis Rietveld Koopman en Opperhoofd in 't Neederlands Comptoir Patna. 18½ @ „der 132 6 134 1357 den 3e februarij minder als op de Memorie is aangeschree 1 stuk Rood satijn N„o 1383 Lo 37 @ zo als is aangeschreeven 1 _„o Groen _„o „ 1382 „ 37½ „ of 1½ @ minder als op de Hoeglische Memorie 1 _„o Rood Zilver Moir „ 1362„ 34¾„ „¼ @ minder zijnde, er aan„ de eene kant was afgescheurt 1 _o Groen _„o _o „ 1300 „ 32 1/16 „ en aan gereekend voor 32½ mitsgaders aan d' eene zijde afgescheurt te weeten. 1 Lap zilver met Goud Gebl„t Moir L915¾ @ op de memorie bekent Lang te weezen 15¼ @ onderschei„ „den met N„o 6707, en is de helft van het stuk r=m alzo het briefje dat er aanhangt dic, „teert dat het Stuk is Groot geweest 31 @ 0 1. Lap Wit silver Gebl„ Moir N„o 6700 Lang 3 7/16 @ en is aangeschreeven voor 15 @ het briefje dat'er aanhangt Dicteert 28½ @, is dies maar sch„s Een half stuk. _„o Rood Goud Moir Gebl„t L9 15½ @ of 7½ @ meer als is aangeschreeven. 1 stuk Iaars Gebloemd Fluweel N„o 12 aanges. Voor Rood, Lo 34¼ @ of ½ minder als het moest wezen en buiten de minderheid ook wat gevlekt 1 P„o Rood N„o 42930¼ @ of ¾ @ minder _„o Effen N„ 12 Lang 34 1/32 @ en is aange¬ - „schreeven 35 ellen. 1 d„o meede Effen N„o 5 lang 33½ @ of 1 @ minder d „ 6 „ 33¼ „ „ ¾„ 1 d„o d„o do 1 stuk Groen effe Fluweel N„o 6 Lang 34 7/8 @ en had vol„ „gens aanschryvens moeten zyn 36 ellen 1 _„o N„o 7 Lang 33 7/8 @ en had moeten wezen 30½ @ is bo„ In de kas N„o 3 zijn bevonden de volgende stukken Rood Laaken 1 P„s N:o 959 L9 34¼ @ aangeschreeven voor 36 @ Van de mot beschaadigt In de kas N„o 2 brutto gewoogen heb„ „bende 167 lb is het volgende Groen Laken bevonden. 1 stuk N„o 949 Lang 29¼ @ en had volgens de Memorie '& moeten wezen 3tellen heeft aan d' eene zijde geen zelfkant en is zeer bescha„ „digt met gaaten. 1 _„o N„o 968 lg 37¾ @ en had volg=s aanschrivens in, moeten wezen 40 @ is zeer gevlekt _„o 988 Lang 37½ en moest geweest zijn 39 ellen is daar en boven met gaten voorzien. 1 Lap Groen Laken op de Memorie onderscheiden met N„o 957, dog heeft geen nommer, is ver lang bevonden 14½ @ en aangeschreeven ok voor 15 @ mitsgad„s op verscheide plaats eest. „sen van de Mot doorgevreeten. der„ „ven des met kleine Vlekjes besmet. 1 stuk N„o 2 Lang 33¼ en had moeten wezen 34½ @ heeft meede kleine vlekjes, als 't andere stuk. 1 _„o Gebl„t N„o 11 2934 en staat op de Memorie voor 36 @ bekent. 1 F„o F„o N„o 12 l933¼ @ en is aangeschreeven vrn 34 ellen is 1 d„o Iaars Geb„t fluweel N„o 5 l9 32 7/8 is aangeschree„ „ven voor 34¼ @ en 1 I„o Geel Gebl„t fluweel N„o 10 L935¼ @ en had volgens de Memorie moeten zijn 36 ellen. „ven te rel„ een 6„

NL-HaNA_1.04.02_3196_0075 view scan ↗

English

136 137 the 3rd of February 1 piece No. 961, length 34½ ells, recorded for 37 ells, and also damaged by moths and stained with spots 1 piece No. 315, length 35½ ells, recorded for 37 ells, slightly stained 1 piece No. 948, length 34¼ ells, recorded for 35½ ells 1 piece No. 323, length 35 ells, recorded for 36½ ells 1 piece No. 11, length 38¾ ells, recorded for 35 ells 1 piece No. 323, length 35¾ ells, recorded for 37 ells and the case weighed 307 lb gross. In the case No. 4, which weighed gross 167 lb, the following pieces of yellow cloth were found: 1 piece No. 960, length 35½ ells, recorded for 37 ells 1 piece No. 48, length 36 ells, recorded for 37 ells, is very stained 1 piece No. 907, length 38½ ells, recorded for 40 ells Case No. 5, having weighed 290 lb gross, properly yielded the stationery placed therein, except that instead of the red earth, only 5 ounces were found, which together with a piece of pencil make up ¾ lb; and instead of two, only one penknife with a silver band was inside; however, those with the amber handles, as well as the burning glasses and telescopes, were found in order. In case No. 6, having weighed 62 lb gross, were found: 2 pieces firelocks and 2 pairs of gilded pistols. And cases No. 7, 8, 9, and 10 delivered mirrors according to the invoice. Likewise small cases No. 11 and 12, in the first of which, according to the statement of Surgeon Nauta, who reweighed the oils with his weight, everything is complete, and in the other the writing drawers and inkstands were found according to the invoice. Furthermore, the following were brought in order: 2 quires cartridge paper 2 barrels of tar 30 rolls of canvas 20 bundles of binding rattans along with 1 case of described medicines received in good condition. The 48 chests of cloves, of most of which the seals were either loosened and crushed, or entirely gone, as only No. 22, No. 4, 1, and No. 8 were found properly sealed, we first had weighed gross, and afterward had each chest emptied one by one, and found in cloves 4760 lb, and the Memorandum of Hugli dictates 4800 lb, thus 40 pounds too little on the whole parcel. With the 33 chests of nutmegs we acted in the same manner. No. 10 and 11 of the same, as well as No. 19 and 22, were properly sealed, but all the others had a defect regarding the seals, whether one or more thereof were crushed or loose, or missing from them; and the nutmegs, reweighed net as before, were found in number to amount to 138 139 3771¼ lb, and the Hugli Memorandum states that they should have weighed 3800 lb; consequently, 28¼ lb less was brought on the said parcel. The seals of the bales of cinnamon were also mostly broken or loose. The bales were likewise weighed gross as before and afterward placed net on the scale, and found to contain 787½ lb of cinnamon, and the Memorandum says that there should be 800 lb, thus there is 12½ pounds too little on the said eleven bales. The seals of the pepper bags were found in proper order. We had one bag emptied and weighed net, and placed the empty bag with the weight in order to weigh all the others net in this manner, and thus in the 26 bags was found to be 2495½ lb, and according to the Memorandum there should have been 2500 lb, thus 4½ pounds too little was received. Furthermore, we weighed gross one well-sealed bale described as No. 16, mace, etc., 172 lb, and found that the same yielded here in weight 171 lb. Likewise weighed in the same manner was a case described as mace, 36 lb net, gross 161 lb, No. 2, which was found to weigh the number of 161 pounds specified thereon from there; however, these two were not reweighed net by order of Your Honor. We offer, if required, to provide a statement of the condition of the seals of each chest and bale in particular, and to confirm this report at all times with a solemn oath; while for the rest we remain with dutiful and complete high esteem, Honorable Ruler, Your Honor's very obedient and humble servants, signed Casp. Leon. Eilbracht and W. Cadet. Patna, the 10th of January 1767. Today, the 14th of January 1767, appeared before me, Cornelis Rietveld, merchant and Chief of this factory, in the presence of the witnesses to be named below, the bookkeeper Casp. Leon. Eilbracht and Assistant Willem Cadet, having assisted according to the aforesaid report in the inspection, measuring, and weighing of the goods brought here under Ensign Castel on the 24th of the previous month. Which report having been read to them, they confirmed the contents thereof, in so far as it concerns the spices, upon the express interrogation made for that purpose, with a solemn oath; and this while raising the two front fingers of their right hand and uttering these words: So truly help us God Almighty. Thus done and sworn in Patna on the day aforesaid, in the presence of the Surgeons Willem Nauta and Jacob Reimer as witnesses. Was signed Casp. Leon. Eilbracht, Wm. Cadet. Below, in my presence, signed C. Rietveld. In the margin, as witnesses, W. Nauta, J. Reimer.

Dutch transcription

136 137 den 3„en februarij 1 P„s N„o 961. L9 34½ @ aangeschreeven voor 37 @ en meede van de mot beschaadigt en met vlekken besmet 1 „ „ 315 „ 35½ „ Aangsch v„n 37 @ een weinig gevlekt 1 „ „ 948 „ 34¼ „ _„o „ 35½„ „ 1 „ „ 323 „ 35 - „ d„o „ 36½„ „ 1 „ „ 11 „ 38¾ „ _„o „ 35. „ „ 1 „ „ 323 „ 35¾ „ _„o „ 37 „ en heeft de kas brutto 307 lb Gewoogen. In de Kas N„o 4 die brutto gewoogen, heeft 167 lb is bevonden de volgende stukken Geel Laaken. 1 P„s N„o 960 Lg 35½ @ aangeschr: v„n 37@ 48 „ 36 — „ _„o „ 37 „ is zeer gevlekt. „ 907„ 38½„ d„o „ 40„ De kas N„o 5 brutto gewoogen hebbende 290 lb heeft het daarin gedaane schrijfgereed= „schap behoorlijk uitgeleevert Exepto, dat er in steede van t rood aarde maar 5 oncen is bevonden die met een stuk potloot te zaamen ¾ lb uitmaken; en is her in stee„ „de van Twee, maar een Pennemes met een zilvere bandje ingeweest; dog die met de barnsteene hegten zijn zo wel als de brand glasen en verrekijkers Accoord bevonden In de kas N„o 6 gewoogen hebbende brut„ „to 62 lb zijn 2 p„s snaphaanen en 2 paaren Pistoolen e Vergulde bevonden. En de kassen N„o 7: 8: 9 en 10 hebbende spiegels Volgens aanschrijvens uitgeleert „ zo ook de kasjes N„o 11 en 12, in welke eerste volgens opgave van de Chirurgijn Nauta die de oliteiten met zijn gewigt heeft na¬ gewoogen alles Compleet is, en in het ande¬ „re zijn de Schrijflaadjes en Jnktkookers volgens aanschrijvens bevonden. Voorts is nog Accoord aangebragt. 2 boeken kardoes papier 2 Vaaten Teer 30 Rollen zeildoeken 20 bossen Bindrottings. mitsgad„s wel geconditioneerd Ontvangen 1 kas beschreeven Medicamenten. De 48 kisten Nagelen, van de meeste derwel„ „ke de tjappen of los gegaan en vergruijst of geheel afzijn, alzo V„o 22: N:o 4: l en N„o 8. maar behoorlijk verzeguld zijn bevonden hebben wij eerst brutto doen weegen en nader„ „hand ijder kist een voor een doen uitstorten, mitsgr„s aan Nagulen bevonden. 4760 lb en de Memorie van Hoeglij dicteert. 4800 „ dus te min 40 ponden, op de heele partij Met de 33 kisten Nooten hebben wij in zelver Voegen gehandelt No„ 10 en 11: van dezelve zo ook N„o 19 en 22 zijn behoorlijk verzeguld geweest. maar alle de anderen hebben een gebrek gehad, Omtrent de zeguls, het zij dat een of meer daarvan vergruijst, of los geweest, dan wel er aan ontbrooken hebben: en zijn de nooten, Netto als Vooren nagewoogen, in„ getalle bevonden. zo 3574¼ 1 „ 1 „ 13 8 139 3771¼ lb te bedragen en de Hoeglische Memorie zegt dat ze hadden moeten weegen gevolgelijk is er minder aangebragt 3800:— 28¼ lb op de gezegde partij De zeegels van de baalen met Canneel zijn ook meest aan stuk of Los geweest. De baa„ „len zijn meede bruto als vooren gewoogen en naderhand netto op de Schaal gelegt mitsgad„s aan Canneel bevonden in te houden. 787½ lb en de Memorie zeit dat, er moest wezen 800 — „ dusisser te min 12½ ponden op de gezegde Elfbaalen. De zeegels van de peeper zakken zijn behoor„ „lijk gesteld gevonden wij hebben Een zak doen uitstorten en dezelve Netto gewoogen mitsgad„s de leege zak bij het gewigt gelegt om zo alle de andere Netto te weegen, en dusdanig in de 26 zakken bevonden te zijn 2490½ lb en volg:s de Memorie had er moeten wezen. 2500- „ Dies is 'er te min ontvangen 4½ ponden. Voorts hebben wij brutto gewoogen Een Wel verzeegulde baal beschreeven No. 16 Foelij & A„o 172 lb, en bevonden dat dezelve aan gewigt hier heeft Opgehaald 171 lb. Gelijk ook in zelver voegen gewoogen is een kas beschreeven Foelij 36 lb Netto Br. 161 lb N„o 2: die bevonden is zwaar te weezen het ginter daarop gespecificeerde getal van 161 ponden dog deeze bij de zijn op Uwer E. E. bevel niet netto Nagewoogen. Wij presenteeren de Vereischt wordende, Heeden den 14e„ Januarij 1767. Compareerden voor mij Cornelis Rietveld koopman en Opperhoofd deezes Comptoirs, present de natenoemene getuigen de boekhouder Cas„ Leon: Eilbracht, en Assistent Willem Cadet, navolgens het voorsz. Rapport g'assisteert hebbende bij het nazien meeten en weegen der onder den Vendrig Castel den 24„e der voorl maand alhier aangebragte goederen: welk Rapport hen voorgeleezen zijnde zo hebben wij den inhoud van dien, voor zo verre de specerijen aangaat, op de daar toe expres gedane afvraagen met solemneele Eede bevestigt; en de zulx onder het opstee¬ „ken van de twee voorste vingeren hunner regterhand en het uijtten deezer woorden. zo waarlijk helpe ons God Almagtig Aldus gedaan en beedigt in Pattena ten dage voorsz. ter presentie van de Chirurgijns Willem Nauta en Jacob Reimer als getuigen /:was geteek)/ Casp Leon: Eilbracht, W„m Cadet. /:lager in kennisse van mij /geteek) C„s Rietveld (ter zide) als getuigen) Wr. Nauta, Reimer een Opgave van de bevinding der zeegels, van ieder kist en Baal in 't byzonder, te doen en dit berigt ten alle tijden, met solemneele Eede te sterken; Terwijl wij voor het Overige met een schuldige en Compleete hoogagting, verblijve (:onderstond/ E. Gebieder (:lager) Uwer E: E: Zeer Gehoorzaame en onderdanige Dienaaren /:geteek:/ Cas Eilbracht en W: Cadet (:ter zijde) Patna den 10„e Ianuarij 1767. een En

NL-HaNA_1.04.02_3196_0077 view scan ↗

English

140 141 the 3rd of February disposition on the same concerning their negotiations to take satisfaction. And having read the one and the other, it was resolved to write off the shortages on the spices, the tin, and the devalued spelter; but to have the cloths, which are said to be in such a condition on average that they cannot be used for gifts, returned hither again in so far as they absolutely cannot serve for that purpose; but to take in the satins, moores, and velvets according to their written length and accounting to be made, and also to have them written off accordingly in the gift account. concerning the linen supplier. Regarding the gathering of linens, it was represented: that the servants had been in negotiation with the new supplier over the prices; but that he had raised many well-founded difficulties, such as among others the wealth, the eagerness, and the great influence of the English, who, as he declared to have learned indirectly, had again been commissioned to procure no lesser number of cloths than last year, and had already made substantial advances of money, whereby a noticeable decline having occurred in the manufacturing, the working man could only with difficulty be brought to the making of better sorts of cloths, and that one had to be there very early to enter into the necessary engagements with them, and in which regard the British, according to his statement, had already gained the advantage, and the French resident had also already made all the necessary arrangements for the Company as well as for his private account: that the servants, although all these inconveniences had brought about the reduced delivery of the successive demands both in quantity and quality, had nevertheless known how to persuade the said supplier with fitting terms to contract at the prices of the previous year, except for the Siedesaap, which he was not inclined to deliver for less 142 143 the 3rd of February increase not to be granted to the surgeon on the servants' request ƒ 200 annually granted for the additional military personnel not inclined to deliver for less than rop:s 12:1. - or ƒ:19:— —. per piece, being ƒ4:-12. more than those delivered in A:o 1764: requesting approval and orders whether they should proceed with the necessary advances to him: it was resolved after deliberation to express satisfaction with the servants' efforts and the effect thereof, but regarding the Siedesaap, which turned out only very ordinary, not to grant the demanded increase, but to write off the procurement thereof finally and to order the servants to send the submitted sample pieces back hither at the next opportunity, and in the meantime to proceed with the payment of money on the remaining goods. Lastly, a request having been made by the servants that the surgeon Nauta, on account of the increase in the personnel stationed there, might be granted a generous doubling of money for linens and medicines which he had to purchase at the bazaar, since with his expenses, which in the four months had amounted to circa ƒ 50, now that about twice as many men were stationed there, he could not manage, and for which reason the servants implored that he might be paid at least ƒ500 annually, or as much more as this Council should deem appropriate; this having been discussed and considered that this account is somewhat excessive and the increase of 1 corporal and 6 privates cannot cause such an extraordinary increase in costs; it was approved and agreed to grant the said surgeon for the one and the other no more than ƒ300 annually, with which, according to the understanding of this Administration, he will manage well. Done at Hoeglij in Bengal, date as above signed G: L: Vernet, M:r Isinck . . . . . . . . . M=r Lafons, I:n M:s Ross, P: P: Humbert, O: W: Falck, I: H: H: Damius, Jacob Eilbracht secretary 144 145 resolution regarding the accident that befell the Vrouwe Petronella to dispatch to the site Tuesday the 3rd of February A:o 1767 in the evening, all present. Upon a letter just received from the skipper of the ship Vrouwe Petronella, which recently arrived from Malacca, Steeven Booms, dated the first of the current month, having seen with great sorrow that this vessel, in sailing up from Hijelij to Kasserijen, ran aground on the shallows of the so-called Tennegat, broke apart, and subsequently capsized upside down, without anything having been saved except life (apart from the silver, which according to custom and orders was transferred into the sloop), as no one was missed yet other than the pilot Barend Janzen, it was resolved regarding the request made therein for vessels for assistance, to have a sufficient number prepared immediately to depart from here tomorrow morning, and to rescue and salvage as much of the ship and cargo as shall be possible. And in order to make matters proceed all the better and to give the necessary orders in everything, it was also approved to send down the Principal Fiscal of this Directorate, Otto Willem Falck, the judicial Council members Lieutenant Carel Mattijs, Willem de Lille, and Junior Merchant Johan Willem Salomon van Haugwitz, as commissioners, and with them also a sergeant, corporal, and twenty-four private military men, to keep guard over the goods that might be saved, and if demanded, to keep the common ship's crew in order. Then since no other ship is currently at hand than Welgelegen, which would already have been dispatched

Dutch transcription

140 141 den 3e februarij dispostie op deselve omtrent hunne onderhandelingen noegen te neemen. En is na lecture van het een en ander be„ „slooten om de minderheeden op de spece„ „rijen, het Tin en de spiaulter ontwaard, te laaten afschrijven: dog de Laakenen welke gezegt worden, door den bank zo gesteld te zijn, dat dezelve tot Ge¬ „schenk, niet g'emploijeert konnen worden. voor zo verre ze absolut daartoe niet kon= „nen dienen, weder herwaards te laaten komen: maar de Satijnen, Mooren en Fluweelen, volgens haare aangeschree¬ ven lengte en te doene aanreekening inneemen en bij de Schenkasie reeke¬ „ning ook alzo afschrijven laaten. met den Lywaat Leverancierge. Omtrent der Lijnwaat inzaam ver„ „toond wordende: dat zij bedienden, met den nieuwen Leverancier in onderhandeling waren geweest over de prijzen; maar dat dezelve veele gegronde zwaarigheeden had geoppert, als onder anderen het vermogen, de greetigheid en den grooten invloed der Engelschen die, zo als hij betuigde van ter zijde vernomen te hebben, wederom geen minder ge„ „tal doeken als voorleeden Iaar, te bezorgen waren opgedraagen, en reeds Capitaale verstrekkingen van geld gedaan hadden waardoor een merkelijk verval in de fabriek gekomen zijnde, den arbeids man, niet als met moeite te brengen was, tot het maaken van beetere soor„ „ten van doeken, en dat men er dan al heel vroeg bij moest wezen, om met hen de nodige engagementen aan te gaan, en waar omtrent de Britten, volgens zijn opgave reeds in de voorbaat geweest waaren, en de fransche Resident voor de Compagnie als zijn particulier, ook al de nodige schikkingen gemaakt had= „de: Dat zij bedienden, alhoe wel alle deze inconvenienten, de mindere bezorging van de successive Eisschen zo in quantiteit als qualiteit had te weeg gebragt, den gem: Leveran¬ „cier echter met gepaste termen had= „den weeten over te haalen, om op de voorjaarige prijzen, te contracteeren buiten de Siedezaap, die hij voor niet stal minder 142 143 den 3e. february verhoging niet toe te staan der Chirurgin op s: bed: versoek ƒ 200- s'Jaars voor de meerdere militaire toegelegt minder geneegen was, te bezorgen als rop„s 12:1. - ofte ƒ:19:— —. het p„s dan wel ƒ4:-12. meerder, als de geleeverde in A„o 1764: met verzoek om Approbatie en ordre of zij de noodige verstrekkingen aan den zelven zouden voortgaan: zo is na de „liberatie geresolveerd, omtrent der bedienden pogingen en het effect van dien, genoegen te betuigen, dog wegens de sidesap de geliveste dog omtrent de Siedesaap, die maar zeer gemeen is uitgevallen, de g'eisch „te verhooging niet toe te staan, maar het bezorgen derzelve finaal afte schrijven en de bedienden te gelas¬ „ten om de opgezonden monster stuk „ken bij geleegenheid weder herwaards te zenden, en intusschen met het file¬ ren van penningen, op de overige goederen te laaten voortvaaren. Laatstelijk door de bedienden verzoek gedaan zijnde, dat de Chirur„ „gijn Nauta, mits de vermeerdering van de ginter bescheidene manschap„ „pen, voor Lijnwaaten en Medicamen¬ den 3e: februarij „ten, die hij ter Bazaar moest opkoopen een ruime verdubbeling van geld, mogt worden toegelegt, alzo hij met zijne de„ „pences, die in de vier maanden, Circum circa ƒ 50 hadden bedragen, nu ter ruim eens zo veel volk lag, niet rond kon schie „ten, en waarom zij bedienden implo= „reerden, dat hem ten minsten ƒ500. 'sjaars, mogten worden uitgekeerd, of zo veel meer als dezen Raade zoude vermeemen te behooren, zo werd hier over gesprooken en geconsidereert zijn „de, dat deze reekening wat excessief is en de vermeerdering van 1 Corporaal en 6 gemeene zo een Extraord„s verhoging in de kosten niet veroorzaaken kan; goedgevonden en verstaan, den gemelden chirurgijn voor het een en ander niet meer als ƒ300 'sjaars, toe te leggen, waar meede het volgens begrip van dit Minis= „terium wel zal te stellen wezen Actum Hoeglij in Bengale, dat ut supra (geteek. G: L: Vernet, M„r Isinck. . . . . . . . . M=r Lafons, I„n M„s Ross, P: P: Humbert, O: W: Falck, I: H: H: Damius, Iacob Eilbracht secretaris „ten 9 Dingsdag 144 145 besluit om wegens het ongeluk„ de vrouwe Petronella overgeko„ naars som laatelaten vertreken Dingsdag den 3„e februarij A:o 1767 's avonds alle present. Bij een zo aanstonds ontvangen missive van den schipper van het on„ „langs over Malacca gearriveerde Schip Vrouwe Petronella, Steeven Booms de dato Primo Courant, met zeer veel Leedweezen gezien zijnde dat dien bodem in het Opzeilen van Hijelij naar kasserijen op de droogte van het zo genaamde Tennegat, vast geraakt, geborsten en vervolgens te on¬ „derste boven gekenterd is, zonder dat „er (:buiten het zilver, het welk volg„s usantie en de ordres, in de sloep is over„ „gescheept.) iets had konnen geborgen worden, als het leven, dewijl, er als nog niemand anders vermist wierd, als den Loods Barend Janzen, zo werd over het daarbij gedaan verzoek om vaartuigen tot Assistentie, geresolveerd de nodige vartuig afenden ten eersten een genoegzaam ge¬ „tal in gereedheid te laaten brengen om morgen ogtend van hier te vertrekken en van het schip en de Lading zo veel te redden en te bergen, als het moge„ „lijk zal wezen. En om de zaaken des te beeter voort „gang te doen hebben en op alles de no= „dige ordres te stellen, werd tevens goedgevonden, den p„l Fiscaal dezer Directie Otto Willem Falck de Justi¬ „tieele Raadsleeden de Lieutenant Carel Mattijs, Willem de Lille en onderkoopman Johan, Willem Sa„ lomon van Haugwitz, als gecom¬ „mitt=n;, en met hen ook een sergeant Corporaal en vier en twintig gemeene Militairen naar beneeden te zenden om bij de goederen die gesalveert mogten worden de wagt, en des peischt wordende, het gemeene scheeps volk in ordre te houden. e noagte vode rede vor Dan nadien, er geen ander schip thans meer aan handen is, als welgelee¬ gen, welke al gedepecheert zou „tal geweest men om n

NL-HaNA_1.04.02_3196_0080 view scan ↗

English

146 147 proposal of the Lord Director to send Their Right Excellencies a report of affairs with an English small vessel, had it not been that the cause recorded in the secret resolution of this morning had prevented it; thus, since three hundred chests of opium are still expected from Pattena and other goods must also be dispatched, it was resolved to resile from today's decision and therefore to detain that vessel until the aforementioned opium shall have arrived here, for which purpose the required instructions will be recommended this very day to the servants at Pattena by the Lord Director and the Honorable Chief Administrator. Done at Hoeglij in Bengale, date as above. Signed: G: L: Vernet, J: Hk. Zinner, Mr. Isinck Jr., Mr. Lafont, Jn. Humbert, E: W: Falck, I: Hn. Haghadamius, and Iacob Eilbracht, secretary. The 3rd of February. Friday the 6th of February, Year 1767, in the morning. All present except the members Lafont and Falck, the first on account of indisposition and the other being on a commission downriver. It was presented to the assembly by the Lord Director that His Honor, since the decision taken on the evening of the 3rd instant regarding the detention of the ship Welgelegen, had found an opportunity to give Their Right Excellencies the necessary knowledge thereof; because an English ship was due to depart for Madras around the 10th instant, with which His Honor thought it highly necessary to dispatch a set of the already prepared general, secret, and separate advices with an accompanying letter, in order to be forwarded from there to Nagapatnam for further conveyance 148 149 the 6th of February the 6th of February to Batavia; for there was no other opportunity than with the abovementioned vessel to render an account of affairs to Their Right Excellencies, and, if by some unforeseen accident no report at all should arrive, this would not fail to cause the utmost anxiety; moreover, if one took advantage of the present opportunity, it might well happen that Ysselmonde would be found at Nagapatnam, in which case Their Right Excellencies would very quickly be informed of how matters currently stand here. Whereupon, after deliberation, and the proposal of the Lord Director being unanimously applauded, it was resolved to agree with it entirely and consequently to send off a set of the aforementioned papers with a postscript per the said aforementioned English small vessel. Whereupon the secret missive concluded on the last day of January was collated and signed, and the greatest part of the general description drawn up under that date being also read over, it was agreed to record this here. Done at Hoeglij in Bengale, date as above. Was signed: G: L: Vernet, Mr. Isinck, J: Hk. Zinner, Pr. Humbert, Jn. Hk. Haghadamius, Iacob Eilbracht, secretary. 151 Saturday the 7th of February, Year 1767, in the morning. Absent the Honorable Chief Administrator Isinck along with the members Lafont and Falck, the first two on account of indisposition and the latter on a commission downriver. After the Council, upon the express convocation made by the Lord Director, had appeared in the council chamber and the members had taken their seats, it was made known to them by the Lord Director that the burgher Jan Carel Lodewijk Blume, belonging to Batavia, who according to the resolution of the 27th past had been granted passage to the capital per Welgelegen, had come to inform His Honor that he believed he saw a chance to purchase a ship, in which case he would gladly lease the same to the Company for a reasonable price, provided they provisioned it for their account and the officers and lower crew of the shipwrecked vessel Vrouwe Petronella were placed upon it, and in which, after it had been surveyed and found in a state to make the voyage to Batavia, as much goods could be loaded as could conveniently be transported with the same. That His Honor had not yet declared himself positively on this matter, but having heard how much the Company would have to spend on freight according to the demand made by the said Blume, had calculated, according to a rough estimate, that it could well be obtained for 10 percent on the entire cargo; that His Honor, for his part, believed the Company's interest absolutely required, if possible, first not to risk all the opium on one ship, and furthermore to dispatch that which is spoken of in the secret resolution of the 3rd current as soon as possible, since the detention of the same, as was already recorded in that resolution 150

Dutch transcription

146 147 proposietie van den Heer Directeur om H. H: Ed:s met een Engels scheepje verslag van zaken te laaten toekome, geweest zijn, ware het niet dat de bij secree¬ „te Resolutie van heeden morgen aan¬ „geteekende oorzaak zulx belet had, zo is aangezien men nog drie hondert kisten Afioen van Pattena verwachten er nog andere goederen ook dienen verzonden te worden, gearresteerd van 't besluit van heeden te resilieeren en dien bodem overzulx aan te houden, tot dat de voor„ „melde Opium hier zal gearriveerd wezen, en waartoe de bedienden te Pattena, door den Heere Direc„ teur en E Hoofd=Administrateur nog heeden het nodige gerecomman „deert zullen worden. Actum Hoeglij in Bengale datum ut supra (geteek:) G: L: Vernet n H„k Zinner, M„r Isinck J:n J„r Jn M„r Lafont Jn Humbert E: W: Falck, I: H:n Haghadamius en Iacob Eilbracht, secretaris. den 3e februarij Vrijdag den 6„' februarij Anno 1767. smor¬ „gens alle present excepto de Leeden La„ „font en Falck, de eerste mits indisposi„ „tie en de andere als in commissie naar beneeden zijnde. Werd door den Heere Directeur aan de vergadering voorgehouden, dat zijn Achtbaare zeed„e het op den 3„e de„ „zer 's avonds genomen besluit omtrent het aanhouden van het Schip Welge„ „leegen, geleegenheid was voorgekomen om Haar Hoog Edelheed„s daarvan de vereischte kennisse te geeven; de„ „wijl, er tegen den 10„e dezer een Engelsch schip naar Madras stond te vertrekken met het welk, zijn E Achtbaare ver¬ „meende het ten hoogsten nodig te zijn een stel van de reeds in gereedheid gebrachte gemeene secreete en apar¬ „te advisen, met een nader geleide brief „je te verzenden, om van daar naar Nagapatnam, ter verdere bezorging Vrijdag naar 148 149 den 6 februarij den 6„e februarij Saturdag secreete brief naar Batavia voortgeschikt te wor= „den; want dat 'er geene andere gelee„ „genheid was, als met bovengem„ bodem, Haar Hoog Ed„s verslag van zaa„ „ken te doen, en, er bij het een of an= „der onverhoopt toeval, in het geheel geen naricht komende zulx niet aan de uiterste ongerustheid verrek= „ken zoude, daarbij, aldien men de tegenwoordige kans waar nam, het nog wel zou konnen gebeuren dat Ysselmonde te Nagapatnam wierd aangetroffen, en in welk ge„ „val Haar Hoog Edelheed„s heel spoe„ „dig g'informeert zouden zijn, hoedanig het thans hier geleegen is. daar zig de raad meede Conformeert Waar over gedelibereerd en des Hee„ „ren Directeurs propositie eenpaa„ „rig g'applaudeert zijnde, is gere„ „solveerd zig daar meede alzints te conformeeren en mits dien een stel van de voors papieren, met een nabriefje, pr bet: voormt Engelsch scheepje te laaten afgaan. Collate ertefeningn den Hier op de onder ult„o Januarij afgesloo„ „te secreete missive gecollationeerd en geteekend en het grootste gedeel„ „te van de onder dien datum, inge„ „richte generaale beschrijving meede overgeleezen zijnde, is verstaan zulx alhier te noteeren. Actum Hoeglij in Bengale dan „tum ut supra (:was geteek) G:L: Vernet M„r. Isinck, J: Hk Zinner - - - - - Pr Humbert, - - - - „ P„r P J„n H„k Haghadamius. ƒ Iacob Eilbracht, secretaris Heerop d d 151 propositie van zyn Achtbaare een partic: schip te huuren Saturdag den 7„e Februarij A„o 1767. Smorgens absent de E Hoofd=Administrateur Isinck nevens de Leeden Lafont en Falck, de twee eer¬ „ste mits indispositie en de laatste in commis„ „sienaar beneeden. Na dat de Raad, op de door den Heer Directeur expres gedaane convocatie ter vergaderzaale verscheenen was, en de Leeden zig geplaast hadden, werd door den Heer Directeur aan dezelve bekend gemaakt dat de te Batavia t' huis hoorende burger Jan Carel Lodewijk Blume, die blijkens Resolutie van den 27„e passato, per Welgelee„ „gen, passage naar de Hoofdplaats verleend is, zijn Achtbaare was komen bekend maaken, dat hij vermeende kans te zien een Schip te koopen en in welk geval hij het zelve voor een reedelijke prijs gaarne aan de Compagnie zou willen verhuuren, mits zij het voor haare Reekening provianteerde en de officieeren en min= „dere scheepelingen van het veronge„ „lukte schip Vrouwe Petronella, er op ge„ „plaast wierden, en waarin men dan na dat het gevisiteerde en tot het doen der reize naar Batavia en staat zou bevon¬ „den zijn, zo veel goederen kon laaden, als er gevoegelijk, met het zelve ver¬ „voerd konde worden. Dat zijn Achtbaare zig hier over nog niet positief gedeelar „reerd, maar eens gehoord hebbende, hoe veel aan huur de Comp„ wel zou moeten besteeden volgens den Eisch die gem„e Blume deed, gereekend had, dat het na ruwe Calculatie voor 10 pCto. op de gansche Lading, wel zou te bekomen wezen, dat zijn Achtbe„ voor zijn aandeel vermeende het belang van de Comp„s absolut te vereisschen om zo het doenlijk is, voor eerst al de Afi= „oen niet op een schip te risiqueeren, en boven dien die waarvan bij secreete reso= „lutie van den 3„e Courant gesprooken word, hoe eer hoe liever te verzenden de„ „wijl het aanhouden van dezelve, gelijk dat reets bij dat besluit is aangetee„ „lukte „kend 150

NL-HaNA_1.04.02_3196_0083 view scan ↗

English

and a resolution regarding this, in which the absent members Isinck and Lafont also concurred, could not be anything but detrimental to the Company. Whereupon, after deliberating with the requisite attention and agreeing with the Director, it was understood that the payment of this or any additional hire cannot be compared with the risk that the Company will have to endure if an extraordinary quantity of eight hundred chests of opium had to be risked on one ship, not to mention the detriment one has to fear if the other or latter mentioned were to stay over until the ordinary time in March. Thus, having considered all of this, it was deemed most advisable and consequently unanimously resolved to request and authorize the Director to hire such a ship, even if His Honour should have to spend somewhat more than the calculated 10 percent, which is left deferred to his good discretion. The Honourable Head Administrator Menso Isinck having been notified hereof by the provisional Secretary, and the merchant Moize Lafont by the provisional First Clerk, and both having conformed thereto, it was finally resolved to record this here. Done at Hoeglij in Bengal, date as above. Signed: G. L. Vernet, Jan Hendrik Zinner, Sr. Pieter Humbert, Pieter Master Ross, Jan Hendrik Haghadamius, and Jacob Eilbracht, Secretary. Sunday the 22nd of February 1767, in the morning. Absent the provisional Fiscal Falck, being on a commission to Hejelij. Further deliberation regarding the hiring of a ship. Disposition. This meeting having been called principally to deliberate further on the hiring of a private ship, of which mention was already made in the resolution of the 7th instant, the Director showed the meeting that the burgher Blume had finally found an opportunity to purchase a ship, and now offered to hire the same to the Company for 15,000 Arcot Rupees or 22,500 guilders, provided, as already recorded in the aforementioned resolution, the officers and the remaining crew of the Vrouwe Petronella are placed upon it, and the provisions for making the voyage to Batavia are furnished on account of the Company. Thus submitting to consideration whether, because of the extraordinary risk one would have to endure if the cargo of the ship Welgelegen were made richer than it has already been brought to, namely more or less 5½ ton of treasure, it would not be best to profit from this advantageous condition, since in that vessel, besides the 300 chests of opium still expected from Patna, one could also ship 2,000 bags of saltpeter and other goods; and furthermore, as already noted in the aforementioned resolution, it is most highly required that the chests with opium that have been wet are dispatched as soon as possible. Whereupon, after deliberation, the decisions taken in that regard were approved and fully agreed with, and consequently to hire this ship, if it should be found fit upon inspection, to investigate which the necessary orders have already been given by the Director, on account of the Company under the aforesaid conditions, and then dispatch Welgelegen at the end of this month or at the latest in the beginning of the coming month; as well as to have another month of board money and rations provided for the crew as a supplement to what has been consumed during the lay days since the first of this month. Then, since that vessel, according to the weekly report from the roadstead delivered this morning by the commander Gerrit Springer, had to be provided with a new step for the mizzen mast, it was furthermore approved to order him to proceed on board tomorrow and to make all haste with the execution of this work, because the piece of wood that must serve for it will be ready today or early tomorrow morning. The commander of Welgelegen is to depart for on board at once. He having thereupon been summoned into Council, this resolution announced to him, and at the same time notified that the papers would be sent after him, it was further resolved to note this here, and at the same time to record that he, upon inquiry by the Director, attested to having received the shipped goods and rations to satisfaction. Furthermore, following the order, here is inserted the Memorandum submitted by the Honourable Head Administrator of the remaining balances in the great Treasury as of the last day of the just-expired month. Insertion of the report of the balances in the great Treasury under the last of January. To the Honourable Worshipful George Louis Vernet, Director over the Company's interests in Bengal, Behaar, and Orixa. Honourable Worshipful Sir, The balances in the great Treasury as of the last of January last consist of the following: 1,573,881: 1 1/63 pieces Sicca Rupees 271,293: - ½ silver Rupees in specie 500: - - slaves' bar silver 951 Imperial thalers 7,129 77 13/60 mark reals Wherewith I have the honour to be, undersigned, Honourable Worshipful Sir, lower, Your Honourable Worship's humble and obedient servant, signed: Menso Isinck. In the margin: Hoeglij, the 4th of February 1767.

Dutch transcription

152 153 en besluit dien aangaande daar zig de absente Leeden Isinck en La Cont ook meede „kend, de Compagnie niet dan nadeelig zijn konde: waarover dan met de ver¬ „eischte aandacht gedelibereert en met den Heer Directeur begreepen zijnde conformeere dat het betaalen van deze, of eenige meerdere huurpenningen, niet in Com¬ „paratie kan komen, met de Risico die de Compagnie zal moeten uit¬ „staan, bij aldien een extraordinaire quantiteit van agt hondert kisten A¬ „fioen op een schip moesten worden ge„ „hasardeerd, om niet te spreeken van het nadeel dat men te dugten heeft. indien de andere of laastgem: tot de or„ „dinaire tyd in Maart zouden moe„ „ten overstaan; zo is na overweging van dit alles, raadzaamst geoor¬ „deelt en over zulx unanimitei„ gearresteerd den Heere Directeur tot het huuren van zo een Schip te verzoeken en te authoriseeren, al waare het ook, dat zijn Achtbaa¬ „re iets meer als de gecalculeerde 10 pC=to zou moeten besteeden; het welk aan zijn goed overleg gedefereert word gelaaten. De E Hoofd-Administrateur Menso Isinck hier van door den p„r se„ „cretaris, en de koopman Moize Lafont door den p„l Eersten klerk advertentie gedaan zijnde en zig beide daarmeede geconformeert hebbende, is laatstelijk beslooten zulx alhier aan te teekenen. Actum Hoeglij in Bengale datum ut supra (:geteek:) G: L: Vernet. . . . . . . . . . , J„n H„k Zinner. S„r P„r Humbert P„r M:r Ross . . . . - . . . „ I:n H„k Haghadamius, en Jacob Eilbracht. Secretaris. welk Zondag . „ 154 155 huren van een schip dispositie Zondag den 22„e Februarij 1767 smorgens absent de p„r Fiscaal Falck zijnde in Com¬ „missie naar Hejelij nadere deliberatie ontrenct Deze bij eenkomst principaal belegd zijnde, om nader te delibereeren over het huuren van een particulier Schip waar van reeds gesprooken is, bij Resolutie van den 7„e Courant, werd door den Heer Directeur aan de vergadering vertoond dat de Burger Blume eindelijk gelee¬ „genheid had gevonden een schip te koopen, en thans aanbood het zelve aan de Compagnie te verhuuren voor 15000 Arcat Ropijen of ƒ 22500:—: — mits, zo als bij bovengemelde resolu= „tie reeds is aangeteekend, de officie„ „ren en het verder scheeps volk van de Vrouwe Petronella, daarop ge¬ „plaast, en de provisien tot het doen der reize naar Batavia voor Zee„ „kening van de Compagnie verstrekt wierden, gevende mits dien in bedenken of het om de Extraordinaire risico die men zou moeten uitstaan bij aldien de Laading van het schip Welgelee„ „gen rijker gemaakt wierd als waar op dezelve reeds gebracht is name¬ „lijk r=m 5½ Tonn schats, niet best waare van deze voordeelige Conditie te profi¬ „teeren, dewijl men in dien bodem, buiten de 300 kisten Afioen, die van Pattena nog verwacht worden, ook 2000 zak Salpeeter en andere goederen zou konnen afscheepen en het boven dien, zo als bij voorm„ Resolutie reets is aangemerkt, ten hoogsten vereischt word, dat de nat geweest zijn „de kisten met Afioen, hoe eer hoe liever verzonden worden, waarop ge¬ „delibereert zijnde, is goedgevonden de daaromtrent gevallene en verstaan zig daarmeede volkomen te conformeeren, en over zulx dit schip indien het bij visitatie be„ „quaam mogt bevonden worden, om het welke te onderzoeken reeds de wierden nodige G 156 157 de gesaghebber van Welgelegen„ ten eersten naar boord te laten vertrekken insertie van 't rapport der restante in de groote Geld Kamer nodige ordres, door den Heere Directeur gesteld zijn, voor Reekening van de Com¬ „pagnie, onder de voors conditien te huuren, en als dan welgeleegen, in het „gin van de aanstaande maand te expe= „dieeren; mitsg„s tot supplement van het geen geduurende de Legdaagen zeld„t p=mo dezer verconsumeert is, nog een maand kostgeld en Randsoen voor het scheeps volk te laaten verstrekken. Dan nadien dien bodem blijkens het heeden morgen door den gezag¬ „hebber Gerrit Springer overgegee„ „ven weekelijk rapport van de rheede van een nieuw spoor voor de Bazaans mast voorzien moest worden is al verder goedgevonden hem te gelasten van zig morgen naar boord te ver= „voegen en met het verrichten van dit werk alle haast te laaten maaken, dewijl het stuk hout dat daartoe dienen moet, heeden of morgen vroeg gereed zal zijn. Dezelve laast van deeze of uiterlijk in het be erode paperennate bij deze te noteeren en tevens aan te den 22„e februarij daarop in Raade ontboden dit besluit aangekondigt en tevens verwittigt zijn- „de dat hem de papieren zouden wor¬ „den nagezonden, is nog beslooten zulx teekenen, dat hij, op afvraage van den Heer Directeur betuigt heeft de afgescheepte goederen en rand= „soenen ten genoegen ontvangen te hebben. Voorts word na de ordre alhier ge= insereerd de door den E. Hoofd=Ad¬ „ministrateur overgelegde Memorie van de restanten in de groote Geldka„ „mer onder ult„o der even verweeken maand. Aan den Edele Achtb: Heer. George Louis Vernet Directeur over 's Comp„s belangens in Bengale, Behaar en Orixaet E: E Achtbaare Heer De Restanten in de groote Geldkamer onder ult:o Ian: Jleed: bestaan in de temeldene als. 271293:—½ „ zilvere Ropijen in zoort 500:— — Slaaven Baarzilver P„r kijzerdaalders 77 13/60 mq Mark Realen Waarmeede de Eere heb te zijn /onders:/ E:E. Achtb: Heer (lager) UwelEd: Achtb: onderdanige en gehoorz„ Dienaar 1573881: 1 1/63 P„s Sicca Ropijen 951 7129= /:geteek/ M„r Jsinck ( ter zijde ) Hoeglij adij 4 februarij 1767: daarop ond:r Ult Ian:

NL-HaNA_1.04.02_3196_0086 view scan ↗

English

158 159 the 22nd of February Also, after reading the Report of the Trade Bookkeeper and Invoice Keeper concerning the completed examination of the Cash accounts for the months of September, October, and November past, it was approved and resolved to keep this annotation of it and likewise to enter the Report itself into these minutes. To the Right Honorable Sir George Louis Vernet, Director of the Honorable Company's important trade and further interests, together with the Members of the Political Council here. Right Honorable Sir, Respected Councilors! In fulfillment of the resolution of Your Right Honorable assembly dated 23 September 1754, the undersigned, upon the oath sworn at the assumption of their offices, have duly reviewed the Cash accounts of the months of September, October, and November 1766, collated them with the receipted warrants and the Contra Cash Book, and found that the balance of the same amounts: for that of the month of September to s.r. 13921: 2 3/320 or f 21925:16:— for October to 51576:8 3/63 or 81233:—:8 and for November to 51549: 4 1/63 or 81190: 1: 8. It further appearing at the foot and in the Credit of the same that on various provisional warrants there has also been disbursed: in that of September, on one, s.r. 6000: —: — in October, 27841: 4 2/63 and in November, 22507: 14: 21/3. And lastly, in all three and in the debit, that the two following warrants from the month of March 1765 chargeable to the late Mr. A. F. Immens for salaries have also been paid, namely: Letter E, amounting to R 305: 4 2/7 together current r. 592: 10 1/7 Letter F, amounting to 287: 6: 7. This serving as a preliminary report of that examination, we have the honor to be with all high esteem, (was undersigned) Right Honorable Sir and Respected Councilors, (below) Your Right Honorable and Honorable s' obedient servants, (was signed) J.b M.s Ross, I: H: Haghadamius. the 22nd of February Thereafter being tabled two Statements of expenses, namely one regarding the conveyance of 500 chests of Opium by Sergeant Jan George van Amelung amounting to f. 76:— or f 9: 9, and the other by the soldier Jan Hendric Straus, who together with his fellow soldier Johan Philip Loots conveyed 127 packages of Linens, amounting to st. r 12: or f 18: 18; so it was, after review of the same, resolved to have the funds disbursed less than received counted back into the Cash by them, amounting for the first-named to s.r. 94: —: —, or f 148: 1:—, and for the other to s.r. 38: or f 59: 17:—, as the Statements themselves show in further detail. Statement of the expenses unavoidably disbursed by the undersigned Sergeant Jan Georg van Amelung upon the departure from Patna for the Company's opium fleet, namely: sent two Cossids to Cassimbazaar: 2 R. compelled to spend due to the loss of a vessel: 2 R. 2 Ditto to Hooghly: 2 R. Total f 6: —: —. Received at Patna out of the Company's Cash: s.r. 100: —: — Disbursed: 6: —: — Currently received more than disbursed: f 94: —: —. (Signed) J: V: Amelungs. (In the margin) Hooghly the 30th of January 1767. the 22nd of February Statement. For the departure from Patna, having arrived with the Company's fleet, unavoidably disbursed for expenses and board money by the undersigned soldier Hendrik Straus, namely: A Cossid sent to Cassimbazaar with a letter: 1. — Ditto to Hooghly: 1: — For the month of January board money for 2 soldiers: 10. — Received at Patna out of the Company's Cash: r 50: — Disbursed: 12. — Currently received more than disbursed: r 38: — (Undersigned) Hooghly in Fort Gustavus this 6th of January 1767 (signed) H: Straus. And whereas in those papers no other expenses have been charged than Cossid wages and the board money of the aforementioned two sentries; so it is, considering one can verify that these were absolutely unavoidable, approved and resolved to excuse the aforementioned military men from taking the Oath for these disbursements. Points of Rescription to Cassimbazaar. The payment of the Suppliers of silk goods approved and passed. From a letter from the Chief and Council at the office mentioned in the margin, dated the 5th of this current month, it being seen that the Suppliers of Silk Fabrics for Japan and Ceylon, the amount of the same, inserted 22nd of February

Dutch transcription

158 159 den 22 februarij natie der Karla reek: van J=r f=kn 9„ts by de afbreng van Pattenase Zo mede dat vande haame. Ook is na lecture van het Rapport van den Negotieboekhouder en Factuurhouder, we= „gens de volbrachte examinatie der Cassa reekeningen van de maanden September October en November Hleeden, goedgevon„ „den en verstaan daar van te houden deze annotatie en het Rapport zelve al mede bij deze in te schrijven. Aan den WelEdelen Achtbar: Heer George Louis Vernet. Directeur van 's E Comp„s importan¬ „ten handel en verdere belangens benevens de Leden van den Politieken Raad alhier. WelEdele Achtbaare Heer Gerespecteerde Raden! In voldoening van het besluit Uwer Wel„ „Edele Achtbaare vergadering de dato 23„e September 1754. hebben de ondergetee„ „kende, op den Eed bij aanvaarding hun relderen „ner bedieningen gepresteert, de Cassa„ Reekeningen van de maanden September twee memorien van ong: Hierna ter Tafel gelegt zijnde twee Me„ „morien van ongelden als een bij het afbrengen van 500 kisten Afioen, door October, en November 1766 behoorlijk geresu= „meert, met de gequitteerde ordonnantie en het Contra Cassaboek geconfronteert en be= „vonden dat 't saldo derzelve emporteert. bij die van de maand Septemb: s„o r 13921: 2 3/320f ƒ 21925:16::—: „ „ „ „ _„o October „ „ 51576:8 3/63 „ „ 81233:- 8en „ „ „ „ _„o Novemb„r „ „ 51549: 4 1/63 „ „ 81190: 1: 8. Blijkende er voorts aan den voet en in Cre¬ „dit derzelve, dat er op diverse provisioneele ordonnantien nog afgegeeven is als in die van September over een. - - - - -„s t 6000: —: —. October „ „. . . - „ 27841: 4 2/63 en November „ „. . . . . „ 22507: 14: 21/3 En laatstelijk in alle drie en in den debet, dat de twee volgende ordonnantien van de maand Maart 1765 ten lasten van wijlen M:r A F Immens over Soldijen nog val, „daan zijn. Als. L„a E. groot R7305: 4 2/7. te zamen lourtr 592: 10 /7 „ 5 _„o „ „ 287: 6:7 Deze voorberigt van die examinatie die „nende, hebben we de eere met alle hoogagting te zijn (:onderstond) WelEdele Achtbare Heer en Gerespecteerde Raden (:lager:) Uwer WelEdele Achtbare en Edelens Gehoor¬ „zame dienaren /:was geteek:)/ J„b M„s Ross, I: H: Haghadamius. den 22 februarij October den en 160 161 „tie naar Cassimbazaar van zijde scoffe geapprobeert en gepasseert den Sergeant Jan George van Amelungs groot fo 76:-- of ƒ 9: 9- en de andere van den soldaat Jan Hendric Straus welke met den meede soldaat Johan Philip Loots 127: Pakken met Lijnwaaten heeft afgebragt, groot st r 12: of ƒ 18: 18: zo is na resumptie van dezelve beslooten de minder uitge¬ „schooten als ontvangen penningen door hun weeder in Cassa te doen tellen, beloo¬ „pende van den eerstgemelden s1794: —:—. ofte ƒ148: 1: en van den anderen So738: of ƒ59:17. - gelijk de Memorien zelve breeder aanwijze. Memorie door de aftogt van Catna voor d' Comp: am¬ „fioen vloot door den ondergeteekende sergeant Jan Georg van Amelung, aan ongelden onver¬ „mijdelijk uitgeschooten, als twee Cassets naar Cassembazaar gezonden. . . . . . . 2: R. genoodzaakt geweest door verlies van een vaartuig uitte geeven. . „ 2„ - Somma ƒ 6: —: —. Te Patna uijt 's Comp„s Cassa ontvangen. . . . . . . . srt. . . 100: —. — uitgeschooten. . . . . . . . 6:— Tans meer ontvangen als uitgeschooten ƒ 94: —. — (Opdteekend) J: V: Amelungs /ter zyjde/ Hoeglij de 30=en Jann 1767:—. 2 Dito. te Hoeglij. . . . . . . . . 2 „ den 22e februarij Memorie. Voor 't aftogt van Catna met 's Comps vloot af„ „gekomen, door d' ondergeteekende soldaat Hendrik Straus onvermijdelijk zijn, uitge¬ „schooten geworden, aan ongelden en kostpennin= gen als Een Casset naar Cassemb: gezonden met brief 7 1. — _. o „ 1: — Hoeglij Voor de Maand Ianuarij kostgeld 172 soldaaten. . „ 10. — te Patna uijt 's Comp:s Cassa ontvangen r 50: — Uitgeschooten. . . „ 12. — tans meen uitgeschooten als ontv. r: - 38:— /:onderstond:/ Hoeglij in't fort Gustavus adij 6„s Ja „nuarij 1767 (geteek:) H: Araus. en nadien bij die papieren geen ande¬ „re onkosten zijn opgebracht, als kazeds Loonen en het kostgeld van voormt„ twee schildergaften; zo is aangezien men na kan gaan dat deze absolut niet te vermij= „den geweest zijn, goedgevonden en verstaan de voorm„ Militairen van het doen der Eed voor die uijtgaven te excuseeren Pointen van Rescrip- Bij een brief van het Opperhoofd de afbetaling der Leverareuren de Raad ten in Margine gemelde kantoore de dato den 5e dezer loopen de maand, gezien zijnde, dat de Leve¬ ranciers van zijde Stoffen voor Japan en Ceilon het bedragen derzelve 22„en februarij ofte geinsereert

NL-HaNA_1.04.02_3196_0088 view scan ↗

English

162 163 The clearance certificate was granted by the Pachotra Daroga. Contingent of 2 maunds annually. Points of the letter. Resolved to authorize the servants for its issuance. or ƒ24988: 4:8 were paid, and for that of the recently collected white linens, the small interest of ƒ534: 4:— was also paid, it was agreed to approve the same. Furthermore, it was noted with great pleasure that the Pachotra Daroga had granted the clearance certificate according to custom, both for the opium recently transported from Pattena and for some vessels arriving from the opposite Arrengs, so that, in the opinion of the servants, the harmful scheme regarding our navigation (which was discussed at length in the secret resolutions of the 18th and 20th November and the 23rd December of the past year) seemed to be abandoned; yet, regarding this, the servants declared they could not fully rest without further assurance; since it now concerned the annual contingent that should accrue to this Daroga for free passage, following the example of his predecessors, and for which he had already repeatedly sent demands to them. to Cassimbazaar on account of compensation for spices 22 February And because the meeting maintained with the servants that, in this uncertainty, it nevertheless did not seem advisable to withhold that gift on the basis of the Nawab's order, as that could cause nothing but harmful consequences for the Company's service, for which the Regents in general and this Daroga in particular would never lack pretexts and opportunities; it was therefore approved and agreed to instruct the servants, requesting authorization or other orders for their guidance regarding its payment, to deliver the customary contingent to the aforesaid Daroga. Along with a letter from Pattena of the 14th instant, a deed of surety was transmitted, passed by the natives Bolram and Sanker Serkaar for the benefit of the Company, for an amount of ƒ2002:14:8, or that which The deed of surety for Rietveld 22 February why it the 164 165 the 22nd February inserted released the Chief Rietveld still must pay pursuant to the resolution of the 4th December of the past year for the compensation for the shortage of spices previously imposed upon him, reading as follows: Today, the 11th of February 1767, appeared before me, Albert Tobias, third in rank here, properly authorized and sworn to make and pass all notarial acts, in the presence of the witnesses to be named below, Bolloram Serkaar and Sancar Sercaar, who declared that they interpose themselves as sureties jointly and severally for the benefit of the Honorable Company, and set themselves as principal debtors for such an amount of two thousand two guilders, fourteen stuivers, and eight penningen, as the Honorable Cornelis Rietveld, merchant and Chief here, according to the honored letter from Houghlij dated the 4th December of the past year, in reduction of the compensation imposed upon him on the 15th March of the same year, was ordered to pay, arising from the shortage of spices found lacking during the inventory on the ultimo of February 1765 in unsealed crates; and the appearers very explicitly renounce the benefits of Order, Division, and Execution, that is, of order, split, and execution, the effect thereof having been duly explained to them. the 22nd February For the fulfillment of the foregoing, the appearers specially bind their persons and generally all their property, placing the same under the constraint of all laws and judges. Thus done and passed in Pattena on the day aforesaid, in the presence of Cas: Leonardus Eilbracht and Willem Cadet as witnesses. The original minute hereof is duly signed and written on a stamp of twenty-four stuivers. (below stood:) Which I attest (was signed) A: Tobias (in the margin:) collated (signed:) Cas Leon: Eilbracht, Willem Cadet. the sureties from their previous And since these persons had interposed themselves for the entire amount, as is evident from a deed inserted in the Resolution of the 11th September last, and they are therefore well to be trusted regarding the remainder, it was resolved to consider the requirement of the meeting satisfied herewith, and to release those people from their previous obligation at present, as the servants were already instructed on the 14th of the benefits past

Dutch transcription

162 163 het bargatie briefje is door den Petsoutrahtesie Deroga wese verleent, Contangom z man aarlijks Pointen van Reschr. besleet om de bed: tot dies af„ „gavete qualificeeren ofte ƒ24988: 4:8: voldaan en die van de Jongt ingezaamelde witte Lijwaaten, den „weinigje Jnterest van ƒ534: 4:— mede be„ „taalt waaren, is verstaan zulx te ap¬ „probeeren. Wijders werd met veel genoegen gezien dat de Patsjoutrasche Daroga, zo voor de Iongst van Pattena afgevoerde Afioen¬ als eenige uit de overzijdsche Arrengs af gekomen vaartuigen, het largatie briefje, volgens usantie had verleend, zo dat men volgens der bed=n gedachten het nadeelig ontwerp omtrent onze vaart, (waarvan in 't breede gesprooken is, bij de secreete besluiten van den 18„e en 20„e 9ber den 23„e Decemb:r A:o passato) scheen te willen laaten vaaren, dog waarop de bedienden verklaarden zig zonder meerder verzeekering niet vol-naar Cassimbazaar „komen te konnen gerusten; nademad wegens vorgeding van speceryen het thans te doen was, om het Jaarlijx contingent, dat dien Daroga na het voorbeeld zijner voorgangers, voor de vrije doortogt, zoude toekomen, en 22 februarij waarom hij hun reeds bij herhaaling had laaten maanen. En dewijl de vergadering met de bedienden sustineerde, dat in deze onzee„ „kerheid het echter niet raadsaam scheen, die gift, op fondament van 's Nawabs ordre, in te houden, dewijl dat niet als nadeelige gevolgen, voor 's Comp„s dienst zou konnen veroorzaaken, waar toe het den Regenten in het gemeenen dezen Daroga in het bijzonder, nimmer aan voorwendzelen en geleegenheiden ontbreeken zoude, zo is goedgevonden en verstaan de bed=n omtrent dies betaa¬ „ling qualificatie of anders ordres ter hunner naricht, verzoekende te gelas- „ten, om het gewoone Contingent aan voorm„ Daroga af te langen. Nevens een brief uit Pattena van de acte van Cautie voor rietveld den 14„e Courant overgezonden zijnde een acte van Cautie, door de inlanders Bolram en Sanker Serkaar, ten behoeve van de Compagnie gepasseerd, voor een be¬ „draagen van ƒ2002:14:8. ofte het geen ne 22 februarij waarom het 164 165 den 22e februarij geinsereert gereleveert het Opperhoofd Rietveld, ingevolge besluit van den 4„e Xber Anno passato voor de hem bevoorens opgelegde vergoeding van min= „derheid op specerijen nog betaalen moet luidende aldus. Heeden den 11e„ februarij 1767. Compareerde voor mij Albert Tobias derde alhier be¬ „hoorlijk g'authoriseerd en beedigt tot het maaken en passeeren van alle nota¬ „rieele achtens, present de natenoemene getuigen, Bolloram Serkaar en San¬ „car sercaar, dewelke verklaarden zig ten behoeve van d' E Comp„e, in solidum te interpo¬ „neeren als borgen, en te stellen als prin¬ cipale schuldenaars voor zodanig bedra¬ „gen, van twee duizend twee guldens, veertien stuivers en agt penningen: als den E: Corne„= „lis Rietveld koopman en Opperhoofd al„ „hier volgens g'eerd aanschrijvens van Hou= „glij in dato 4„e xber A:o passato, in mindering van de hem onder den 15„e Maart desselven Iaars opgelegde vergoeding, ter, betaaling is g'ordonneert, spruitende uit de min= „derheid van specerijen bij den opneem„ onder ult„o feb„r 1765, in onverzeegelde kis= „ten, te min bevonden, en renuntieeren- de Comparant Wel expresselijk de bene den 22en februarij ficien, Ordinis, Divisionis et Exedutionis dat is van Ordre splissinge en Uitwin„ „ninge het effect van dien hen behoor= „lijk onderrigt. Tot nakoming van 't geen voorsz is, ver„ binden de Comparanten Speciaal hunne persoonen en Generaal alle hunne goederen stellende die ten bewang van alle Regten en Regteren. Aldus gedaan en Gepasseert in Patte¬ „na ten dage voorsz, in presentie van Cas: Leonardus Eilbracht en Willem Cadet als getuigen. De Minute dezes is be¬ „hoorlijk geteekend, en op een zegel van vier en twintig stuivers geschreeven. /:onderstond:) Quod Attestor (:was geteek/ A: Tobiast (ter zijde/ Coll: (:geteekend Cas Leon. Eilbracht, Willem Cadat. de borgen van hunnevorge zo is aangezien deze persoonen zig voor het gansche bedraagen hebben g'inter„ „poneert gehad, gelijk dat blijkt bij een ter Resolutie van den 11„e Septemb„r leeden geinsereerde Acte, en ze dus omtrent het Restant ook wel te vertrouwen zijn, geresolveerd het Requisit der vergadering hier meede te houden voor voldaan en die Luiden van haare voorige verintenis tans te releveeren, gelijk dat de bed=n reets aangeschreeven is, den 14„e van de „ficien Jongst

NL-HaNA_1.04.02_3196_0090 view scan ↗

English

166 167 Representation of the secunde Hardy regarding the compensation imposed upon him Last past month, pursuant to the resolution of the 8th preceding. Furthermore, by the very same missive, for and on behalf of the secunde Antonij Hardij concerning the compensation also imposed upon him for the lesser yield of some chests of bad Opium sold at Batavia for the second time, from the harvest of the year 1764, last treated by resolution of the 27th ultimo and of which the relevant papers or Resolution Extracts of the 24th October and 21st November were sent to the servants on the 14th of the preceding month, it being represented that from the aforementioned papers it appeared that his share amounted to only rijxds 810:¾ and thus much less than was stated in our letter of the 4th December; that in the apportionment made by the Invoice-keeper for the loss incurred, the same was calculated on 15, whereas the Batavian Yield, inserted with the resolution of the 24th October, made mention of 24 chests, the 22nd February which reduced his portion considerably, since, if the damage is calculated on 24, he participated in the compensation for four chests and thus not in 4½, as was noted in the apportionment and the report of the merchant Lafont (likewise incorporated into the last-mentioned Resolution); although he should actually only share in the damage of two chests, namely in No. 482 and 520, because these, co-negotiated by him, were noted under the 15 Bad chests on the aforesaid Yield, and the 9 remaining chests, among which there were also only two that he had helped negotiate, were said to have contained good Opium; and finally that of the commission moneys, he had not enjoyed f 1363: 4: 8 as the merchant Lafont stated in his report, but only f 573:17:-, as the Patna letter of the 12th May 1765 and the Cash Account of that same month showed: it was beforehand resolved to record here the 22nd February that what was resolved concerning this difference in the amount of the compensation originated from the fact that a few days after the aforesaid letter of the 4th December and the Invoice cited therein, in which Hardij's share was charged at f 4864: 10:-, had been dispatched, information was received that there was an error in the first apportionment; and that, in order to spare the taking of so many resolutions on one and the same matter, the invoice-keeper was ordered to alter the Memorandum and the dispatched Invoice without noting this by Resolution, since the secretary was instructed to inform the Chief Rietveld of this on behalf of the assembly and to send an altered letter upriver; together with asking back our previous letter with the invoice and at the same time intimating that the redressed invoice would follow presently; but that according to the reply the secretary received from the Chief, the first had already been answered and the other had therefore arrived too late and was sent back here: while, in order to redress the mistake itself, it was decided to credit Patna by an Invoice with f 2918:14:-, or that which Hardij must pay less than was charged thither on the 4th December, and to have him debited that much less on his pay Account; but regarding the further request or the argument concerning the Calculation of the Damage on 15 or 24 chests, it was approved to reply in writing that this will be submitted to Their High Excellencies, but that herein everyone is charged according to Their High Excellencies' arrangement concerning this matter, namely in proportion to the negotiated quantity of the aforementioned Opium. 168 169 the 22nd February The negotiating of Monies, the paying off of three bonds under the necessary exhortation approved By the servants, on two bonds a sum of Pa r 100000:—:— the 22nd February negotiated, and against this, paid off on three different bonds in Principal and interest an amount of sr 37379:4:-, it was resolved to approve this and to exhort the servants repeatedly to resort as little as possible to raising money on deposit, but to do their best to draw Bills of Exchange and pay off all the debts from that. It was also agreed to approve the disbursement of Prr 5000:—:— made from Cash in the beginning of this month to serve for the purchase of materials and to meet the necessary expenses for the Repairs already underway on some of the buildings; furthermore also the Application of Funds shown in the letter and the forwarded Cash account of the month of January, as upon examination of this paper, according to the testimony of the Honorable Chief Administrator, nothing objectionable was found. 170 1. 171 the 22nd February and the disbursement made from Cash for the purchase of materials passed. Resolution taken: linen Supplier From the aforesaid representation it also appearing that to the new Linen-supplier Batoemel a disbursement was made of Pr r 50000:— or f 78750:—, it was, for the reasons detailed at length therein and primarily to bind to us through this means some laborers who had not yet chosen the English side, agreed to approve this, the more so because the servants assure that upon the recommendation made, he promised to proceed with all circumspection and to take care that the company shall in no way suffer any prejudice. Incorporation of a [resolution] taken by the servants: Administrator Hereafter it was observed with very great astonishment that the servants had, in a special meeting, administered to the third person Albert Tobias the Oath framed for the official clerks, and that for such reasons

Dutch transcription

166 167 Vertoning van de secunde hardy wegens de hem opgelegde ver„ „goeding Jongst verweeken maand, ingevolge besluit van den 8„e bevoorens. Wijders bij diezelve missive, voor en van weegen den secunden Antonij Hardij over de hem mede opgelegde vergoeding in het minder rendement van eenige te Batavia, voor de tweede maal verkochte kisten met slegte Afioen, uit den inzaam van A„o 1764 laast verhandelt bij besluit van den 27„e passato en waarvan de daar toe relative papieren of Extracten Resolutien van den 24„e 8ber en 21„e 9ber, den 14„e der voorleeden maand de bedienden zijn toegezonden, vertoond wordende dat bij de evengem: papieren bleek, dat zijn aandeel eenlijk rijxd„s 810:¾ en dies veel minder bedroeg, als bij onze brief van den 4„e xber vermeld stond, dat bij de verdeeling, door den Factuurhou¬ „der, op het gevallen verlies gemaakt het zelve bereekend was op 15; daar het Bataviasche, Rendement, gein¬ „sereert bij resolutie van den 24„e 8tber, mentie maakte van 24 kisten het den 22=en februarij welk zijn portie merkelijk deed verminderen vermits hij, zo de schaade bereekend word op 24, in de vergoeding van vier kisten par „ticipeerde en dus niet in 4½, zo als bij de verdeeling en het bericht van den koopman Lafont (mede bij laastgem„ Resolutie ingelijfd:) genoteerd stond; Schoon hij eigentlijk, maar in de schaade van twee kisten zou moeten deelen name„ „lijk in N„o 482: en 520, dewijl deze, door hem meede genegotieert, op het voorm: Rendement, onder de 15 Slegte kisten op¬ „geteekend stonden en de 9 overige, waar onder er ook maar twee waaren die hij mede had helpen negocieeren, goede Afi= „oen, gezegt wierden ingehouden te hebben En eindelijk dat hij van de provisie penningen, geen ƒ1363: 4: 8: zo als de koop= „man Lafont bij zijn bericht zeide maar eenlijk ƒ 573:17:- genooten had, gelijk de Pattenasche brief van den 12e Meij 1765 en de Cassa Reekening van die zel¬ zo werd ve maand quam aan te wijzen: voor af geresolveerd alhier aanteteekenen 22e februarij welk dat .. 168 169 den 22e februarij 't negoceeren van Gelden 't afbe„ taale van drie obligatien onder de nodige adhortatie geapprobeerd het daar omtrent geresolveerde dat deze differentie in het bedragen van de vergoeding herkomstig is, door dien men, eenige dagen, na dat de voorm„e brief van 4„e xber en de daarin aangehaalde Factuur, waarbij Hardijs aandeel met ƒ4864: 10: is aangereekend, was afgegaan, onderrecht wierd, dat er in de eerste verdeeling abuis was; en dat men, om het neemen van zo veele besluiten over een en dezelve zaak te menageeren, den factuur= „houder bevoolen heeft, de Memorie en afgegaane Factuur te veranderen zonder zulx bij Resolutie aan te teeke¬ „nen, dewijl den secretaris gelast wierd, het Opperhoofd Rietveld hiervan uit naam van de vergadering te verwittigen en een veranderde brief naar boven te zenden; mitsgaders. onze voorige met de factuur te rug te vraagen en tevens te bedeelen dat de geredresseerde factuur ten naas= „ten volgen zou; maar dat volgens het bescheid dat de secretaris l van het Opperhoofd gekreegen heeft, de eerste reeds beantwoord en de an„ „dere dus te laat gekomen en weder herwaards gezonden is: terwijl om de fout zelve te redresseeren beslooten wierd bij een Factuur Pattena ten goede te laaten brengen ƒ 2918:14: ofte het geen Hardij minder betaalen moet als er op den 4„e xber: derwaards is aangereekend, en den zelve daar voor bij zijn soldij Reekening minder te laaten Debiteeren, dog omtrent het verder verzoek of het betoog overa de Reekening van de Schaade op 15 of 24 kisten is goedgevonden te Rescri= „beeren dat zulx Haar Hoog Ed„s zal worden voorgedraagen, maar dat hier in een iegelijk belast is volgens Hoog derzelver schikking omtrent deze zaak namelijk na maate van de genegocieerde quantiteit en voorm. Opium. Door de bedienden, op twee obliga „tien een somma van P„a r 100000:—:— den 22en februarij van genegocieert - 170 1. 171 den 22e februarij ende uit Cassa ged„te verstrekking ter inkoop van materiale gepasseert. genomen resol: lywaat Leverancier genegocieert, en daar en tegen, op drie differente obligatien, aan Capitaal „gen van sr 37379:4:- is beslooten zulx te approbeeren en de bedienden bij reiteratie te adhorteeren, om zo min mogelijk over te gaan tot het lig= „ten van geld a deposito maar hun best te doen om Wissels te trekken en daar uit, alle de schulden af te leggen. Meede is verstaan te passeeren de in het begin van deze maand, uit Cassa gedaane verstrekking van P„rr 5000:— — om te dienen tot den inkoop van materiaalen en het doen van de nodige ongelden tot de reeds onder handen zijnde Reparatien van sommige der gebouwen, voorts ook het bij de brief vertoonde Geld Em¬ „ploij en de overgezonden Cassa ree¬ „kening van de maand Januarij, al¬ „zo op dit papier, bij examinatie, volgens getuigenis van den E Hoofd¬ en rente afgelegt zijnde een bedraad als mede geverstreken aande Bij de voorsz: vertooning ook blijken Administrateur, niets is te zeggen ge„ „vonden. „de dat aan den nieuwen Lijwatier Batoemel, eene verstrekking gedaan is, van P„r r 50000: — ofte ƒ78750:- — zo is om de daarvan in het breede gesuppedi¬ teerde reedenen en voornamelijk om door deze weg eenige arbeids Lie¬ „den, die nog der Engelsche zijde niet gekosen hadden, aan ons te verbinden staan zulx te passeeren, te meer de bedn verzeekeren dat hij, op de gedaane a recommendatie, belooft heeft met al¬ „le omzigtigheid te werk te zullen gaan en zorg te dragen, dat de maatschap=„ pij, op geenerhande wijze eenig nadeel kome te lijden. inlijving van Een door de bed: Hierna werd met zeer veel bevreem „ding gezien, dat de bed=n den p„r derde persoon Albert Tobias in een expres¬ „se bijeenkomst, hadden afgenomen den Eed voor de beampt schrijve¬ „ren beraamd, en dat om zodanige et „Administrateur reedenen

NL-HaNA_1.04.02_3196_0093 view scan ↗

English

172 173 reasons as noted at large in the transmitted and following Resolution. Wednesday the 12th of February 1767 before noon, present the Chief, the Honorable Cornelis Rietveld, the second Antonij Hardij, and third Albert Tobias. This meeting having been convened by the Honorable Chief, His Honor made known how he had for some time already taken into consideration that, as only His Honor and the second were authorized to pass all notarial acts, the way was thereby made difficult, if not completely impossible, for both of them to make any disposition concerning the other, should either of them ever be inclined to do so; whereby they might at times find themselves under the necessity of having to appoint people whom they would not otherwise take, especially in matters wherein one would gladly and preferably have a free choice; proposing therefore whether, without arrogating too much liberty to themselves or doing wrong, one could not administer to the newly arrived third the oath designed for the civil secretary; since it is uncertain when cases of importance might arise in which one could have need of him as such; which having been considered, His Honor's proposal was fully agreed to, and the form was read to the aforesaid third, whereupon the oath was administered by him, while raising the first two fingers of his right hand and uttering these words: So help me God Almighty. Of all of which it was understood this annotation would be kept and a signed copy of this sent to the Honorable, Worshipful Director and Council at Hoeglij, with a request for approval of this arrangement. Done at the Dutch Factory Patna, date as above. Was signed: Cs Rietveld, Ant: Hardij, A: Tobias. In the margin: Collated, signed: Casleon. Eilbracht, Wr Cadet. 174 175 the 22nd of September The Chief, along with the second and third persons, condemned. Which having been discussed, it was considered that this step of the officials far exceeds the purview of subordinates, and consequently resolved to let it pass for this time, but at the same time to instruct them to undertake nothing on their own authority henceforth, except only such matters in which the interest of the Company might suffer any prejudice by requesting and awaiting orders. And since the officials have already gone so far beyond this altogether reproachable resolution as to have the said third person draw up an act that very properly could have been passed before the second, whose duty it properly is to prepare all such writings or those in which the Chief is appearing or interested, namely the Act of Suretyship inserted herebefore; it is furthermore decided to order the officials that no instrument, of whatever name, may be passed by the aforementioned third person, unless both the Chief and the second are involved, or the one might be the constituent and the other the constituent; as examples concerning this may well be found among them, with instructions to conduct themselves strictly accordingly, and to give this Ministry no further reason for offense. And considering the disrespect with which the officials continually treat this assembly, and principally the indecent manner in which they expect the approval of this matter in their letter, namely, instead of requesting such, using these words: hoping that this our arrangement will not be disapproved. It is resolved, for this once by way of a mild correction, to condemn the Chief Rietveld as the author, together with the second Hardij and third Tobias as co-signers of the letter without showing concern over the irreverent expression, head for head, to a fine of 176 177 tattered books, Journal and ledger 171 3/7 of one month's salary for the benefit of the Dutch burial ground here. Insertion of the report of the tattered books. Lastly, after resumption of the report now transmitted and required by our letter of the 25th of October last, concerning the tattered books, reading as follows: To the Honorable Cornelis Rietveld, Merchant and Chief of this Factory. Honorable Master! In compliance with Your Honor's respected order, we have taken up and inspected the books of the Company, and have found only the following suitable for copying: 1 Cash and specification book of 175 5/6. 1 Ledger and Journal 1699 1714 1735. 1743 1744 1747: which, however, are all infested and eaten through by worms, in one place more and in another less. 1683 84 1736 to 1739 1742 incoming letters 1723: 1748: 1744. 1748. outgoing letters 17 7/18: The same is also the case with a Requisition Book beginning with 1714 and running to 1731: All the rest of old dates are defective, in pieces, and rotten; only the books from 1750 to the present are in good condition. We have the honor to remain with due respect, underneath was written: Honorable Master, lower: Your Honor's very humble and very obedient servants, signed: Cas Leon: Eilbracht and Wm Cadet. In the margin: Pattena, the 9th of February 1767: Resolved, regarding those that have been found in a condition to be copied, to refer the officials to the order in the above-mentioned letter, and further to report that as soon as the same shall be transcribed, the necessary provision will be made regarding the missing ones. Done the 22nd of February 1767.

Dutch transcription

172 173 reedenen als largo genoteerd staan bij de daar van overgezonden en hier ondervolgende Resolutie. Woensdag den 12„e februarij 1767 voor de middag present het Opperhoofd d' E Cornelis Rietveld, de secunde Antonij Hardij en derde Albert Tobias. Deeze bijeenkomst door het E Opper¬ „hoofd belegd zijnde, zo gaf zijn E te kennen, hoe hij seedert eenige tijd, reeds in bedenking had genomen, dat alleen zijn E, en de secunde, g'autoriseerd zijnde, tot het passeeren van alle notarieele actens, hun beide, daar door den weg difficiel„ so geheel onmoogelijk gemaakt was, om eenige dispositie omtrend den anderen te neemen, zo een van beide, daartoe eens inclineeren mogte; waardoor zij Som wij „len in de noodzaakelijkheid zouden kunnen komen, om Luijden te moeten benoemen, die dering daar omtrent zij anderzints net neemen zouden; voor al in zaaken, waarin men gaarne en Liefft een vrije verkiezing heeft; proponeerende derhalven, of men zonder zig te veel vrij- „heid aantemaatigen, of te misdoen, den nieuw aangekomen derde den Eed voor de beamtschrijver beraamt, dus niet zou kunnen afneemen; overmits het het minoegen dezer Verge Waar over gesprooken zijnde werd gecon= „sidereerd dat deze stap der bedienden het bestek van subalterne verre te buiten streeft, en mits dien geresol- veerd zulx voor deze reis wel te pas„ seeren, maar hun tevens te recom¬ „mandeeren, van voortaan niets onzeeker is, wanneer, er gevallen van aangeleegenheid erteeren kunnen, waarin men hem, als de zodanige zou kunnen benodigt zijn; het welk overwoogen zijnde, zo wierd de propositie van zijn E volkomen b'amt en de voors derde het formulier voorgeleezen; mitsgad„s daar op door hem den Eed gepresteerd, onder het Opsteeken der twee voorste vingeren van zijne reg¬ „ter hand en het uiten dezer woorden Zo waarlijk helpe mij God Almagtig Van welk een en ander verstaan wierd te houden deeze annotatie en een geteekend afschrift van deeze te zenden aan den WelEdele Achtbaare Heer Directeur en Raad te Hoeglij met verzoek om approbatie op deeze beschikking. Actum in 't Nederlands Comptoir Patna datum ut supra /:wasget:/ C„s Rietveld, Ant: Hardij, A: Tobias. (:ter zijde) Coll: /:geteek) Casleon. Eilbracht W„r Cadet onseker 174 175 den 22en 7ber 't opperhoofd nevens de tweede en derde Persoon gecondem: op eige goedvinden te onderneemen als al¬ „leen zulke zaaken, waarin bij het ver¬ „zoeken en afwagten van ordres het be= „lang van de Comp„e eenige prejuditie zou kunnen lijden. En dewijl de be¬ „dienden deze alzints reprochable resolutie reets zo verre te buiten zijn gegaan, van den gemelden derden persoon een Acte te laaten beleggen, die zeer gevoegelijk voor den secun¬ „den, wiens plicht het eigentlijk is, alle diergelijke schriftuuren, of waar in het Opperhoofd Comparant of ge= „interesseerd is op te maaken, had kon= „nen gepasseerd zijn; namelijk de hier voor g'insereerde Acte van Cau¬ „tie; zo is al verder beslooten den be„ „dienden te gelasten dat door den meerm„r derden persoon, geen Jnstru¬ „ment, hoe genaamd, zal mogen verleeden worden, als waar in het Op„ „perhoofd en de secunde beide betrok„ „ken, ofte de eene constituant en de andere Geconstitueerde mogt zijn den 22='n februarij gelijk daar omtrent, bij hun wel voor= „beelden zullen te vinden weezen, met recommendatie om zig daar na stiptelijk te gedraagen en dit Ministerie wederom geen reeden van aanstoot te geven. Dewijl om de on„ „eerbiedigheid waar meede de bedien= „den, deze vergadering gaande weg r bejeegenen, en voornaamentlijk de indecente wijze waar op zij de ap¬ „probatie, van deze zaak, bij haare brief verwachten; met namentlijk in Steede van zulx te verzoeken, deeze woorden te gebruiken; hoopende dat deze onze beschikking niet zal wor „den afgekeurd. gearresteerd snaand gagoete van een is dit eenmaal tot een zagte correc„ „tie het Opperhoofd Rietveld als in „steller, mitsgaders den secunde Hardij en derde Tobias, als mede tee„ „kenaar van de brief zonder zig be„ „swaard te toonen over de vireveren- „te uitdrukking, hoofd voor hoofd te condemneeren, in een boete gelijk van 176 177 loose Boeken, „ Jourl„ en grootboek „ 171 3/7 van een maand gage ten behoeve van het Nederlandsche kerkhoff alhier insertie van 't rapport der have Laatstelijk is na resumptie van het thans overgezonden en bij onze brief van den 25„e 8tber pass:o gerequireer, „de bericht van de havelooze boeken luidende als volgt. Aan den E Heer Cornelis Rietveld koopman en Opperhoofd deezes Comptoirs. E: Gebieder! Wij hebben in nakoming van UwEd„s ge„ „respecteerde bevel, de boeken van de Comp„s opgenoomen gevisiteerd, en een— „lijk de navolgende om te copieeren bequaam bevonden, 1 Cassa en specif: boek van 175 5/6. 1 grootboek en Tournl„ „ 1699 die egter alle aangestooken . . - - - - „ 1683„ 84 en van de wormen Op de eene plaats meer en dande „ „ 1736 tot „re mindere „ 1739 doorvreeten „ 1742 zijn. aankomende brieven „ 1723: — „ „ „ 1748: „ „ 1744. „ 1748. „ afgaande brieven „ 17 7/18: geresolveerd de bedienden omtrent die welke om gecopieerd te kon¬ „nen worden, in staat bevonden zijn, naar de ordre bij bovengem. brief, te renvoijeeren, en verder te melden dat zo dra dezelve zullen afgeschreeven wezen, men nopens de ontbreekende het nodige zal voorzien. Wij hebben de eere met schuldig respect te blijven /:onderstond/ E: Gebieder /:lager:/ Uwer E:E: zeer onderd„o een zeer gehoorzame dienaren (:geteek:) Cas„ Leon: Eilbracht en W=m Cadet. (ter zijde:) Pattena den 9„en februarij 1767: zo ook is het gesteld met een Eischboek be„ „ginnende met 1714 en loopende tot 1731: Al de rest van oude datums zijn defect aan stukken en verrot, alleen zijn de boeken van 0150 tot heeden in een goe„ „de staat. den 22e' februarij den 22„e februarij 1743 o Actum „ „ „ „ „ „ „ „ „ „1735. „ 1744 „ 1747: „ „ „

NL-HaNA_1.04.02_3196_0096 view scan ↗

English

178 179 His Honour shares the findings on the hired ship with the council. Done at Hoeglij in Bengale, date as above. Signed: G. L. Vernet, Mr. Isinck, Jan Hendrik Zinner, Mr. Lafont, J. Mr. Ross, Jan Pieter, Jan Hendrik Haghadamius, and Jacob Elbracht. Secretary, Humbert. The 22nd of February The matters recorded by secret resolution of this day having been settled, it was shared by the Director that His Honour, during his presence at kalkatte, had some days prior summoned hither the skipper of the wrecked ship Vrouwe Petronella, Steven Booms, and had ordered Gerrit Springer, the commander of Welgeleegen, upon passing that place, to put in there in order to inspect the private ship the Hector, which, pursuant to the resolution of the 22nd past, was hired for the Company if found suitable to be entrusted with the cargo, and that they had delivered regarding this the following written Report. Incorporation of the report. Sunday, the first of March 1767, in the morning, all present. To 180 181 The 1st of March. and to place the other crew members of the wrecked ship the Vrouwe Petronella upon it. The 1st of March. From the Right Honourable Lord George Louis Vernet, Director over the trade of the Dutch Company in Bengalen, Behaar, and Orissa. Right Honourable Lord, Pursuant to Your Right Honourable respected order, we went aboard the private ship, the Hector, purchased by the citizen Johan Carel Lodewijk Bloeme, in order to examine whether that vessel was suitable to be hired and freighted for the Company. We have found the ship itself firm and strong inside and outside, but the rigging and the greatest part of the spars damaged and unfit. This, therefore, having been repaired, the ship caulked, and the rudder, which likewise requires some repair, lifted and brought ashore. These repairs we think can be accomplished with a sufficient number of labourers and other people within the space of three weeks, and that vessel consequently be put in a state to undertake the voyage to Batavia. Hoping herewith to have satisfied the intention of Your Right Honourable, we declare to be with the greatest respect, Subscribed: Right Honourable Lord. Lower down: Your Right Honourable's humble and obedient servants. Signed: S. Booms, G. Springer. In the margin: kalkatte, the 27th of February 1767. After reading which, His Honour further showed to the members that the owner of that vessel, the citizen Johan Carel Lodewijk Blume, had already put a multitude of people to work and had undertaken to ensure that that keel would be ready at the appointed time, provided only that the necessary men were added to his aid. Whereupon, after deliberation and discussion, it was resolved to place the officers and further crew members of the aforesaid wrecked ship thereon, and to have that keel brought up before Bernagoor, so as to be all the more speedily enabled to make the voyage and, if possible, be dispatched by the ordinary departure day of the North ship. 182 183 The Fiscal enjoined to conduct an inquiry into the accident of the said ship. Collation of the remainder of the said description. To have the money paid into the treasury for the passage to Battavia refunded. departure day of the North ship, and it was also approved to note herein that the provisional Fiscal Otto Willem Falck, who was not present on the day that the resolution to hire the aforementioned vessel was taken, has now likewise conformed to the same. Furthermore, on the proposal of the Director, it was resolved to enjoin the aforesaid provisional fiscal of this Directorate to conduct an inquiry into the shipwreck of the aforementioned vessel, the Vrouwe Petronella, and also, pursuant to the orders of Their High Mightinesses contained in the respected missive to this Directorate of the 15th of August 1719, to suspend the monthly wages of all the shipwrecked men from that day on which they had to abandon the ship, or the 31st of January last, but to allow those of the common crew to run again from today, when they transfer to the aforementioned hired ship the Hector. Resolution to reimburse the freight money already paid into the treasury by Bleeme. And whereas the owner of the last-mentioned ship has already paid into the treasury the freight money for the passage to Batavia granted to him on the 27th of the above-mentioned month on the Welgeleegen, but will now cross over with his own vessel without any expense to the Company; it is therefore, upon his request presented in that regard by the Director, resolved to reimburse the aforementioned freight money. Lastly, it was resolved to record here that the remainder of the general description under the ultimate of January was collated, as well as a further letter to Their High Mightinesses was approved and signed, and the provisional secretary was ordered to make all haste with sealing and packing the papers, so that they can be dispatched from here tomorrow. Done at Hoeglij in Bengale, date as above. Signed: G. L. Vernet, Mr. Jsinck, I. H. Zinner, Mr. Lafont, J. M. Ross, O. W. Falck, I. H. Haghadamius, Jac. Eilbracht, Secretary. The 1st of March. Wednesday

Dutch transcription

178 179 zyn Achtb: bedeelt den raad de bevinding van 't ingehuurde schip Actum Hoeglij in Bengale„ datum ut Supra /:was getee„ „kend G: L: Vernet. M„r Isinck J„n H„k Zinner, M„r Lafont J„ M„r Ross, J=nP J„n H„k Haghadamius en Jacob Elbracht Secretaris. Humbert. . . . . . . . - den 22e februarij De zaaken bij secreet besluit van heeden aangeteekend, haar beslag erlangd hebbende, werd door den Heer Directeur bedeelt dat zijn Achtbaare, bij desselfs aanweezen te kalkatte, den schipper van het verongelukte schip Vrouwe Petronella Steven Booms, eenige daagen te voo¬ „ren, herwaards ontbooden, met den gezaghebber van welgeleegen, Gerrit springer bij het passeeren van die plaats daar had laaten aanleggen om het particulier schip de Hec„ „tor, dat ingevolge besluit van den 22„e passato voor de Comp„s gehuurd is bij aldien het bequaam bevonden wierd om de Lading daar in te ver„ „trouwen, te visiteeren, en dat deze daar van hadden overgegeeven het inlyving van 't apper volgende schriftelijk Rapport Sondag Zondag Primo Maart 1767 Smor „gens alle present. Aan E 180 181 den 1„e„ Maart en verdere schepelingen van 't verongelukte schip de vrouwe Petronella er op te plaatsen den 1 Maart Van den WelEdele Achtbe Heer George Louis Vernet Directeur over den handel van de Nederlandsche Comp„e in Beu„ „galen, Behaar en Orissa. WelEdele Achtbaare Heer! Ingevolge Uw WelEdele Achtb: g'eerde ordre hebben wij ons vervoegd aan boord van het door den Burger Johan Carel Lodewijk Bloeme, gekochte particulier schip, de Hector, ten einde te onderzoeken of dien bodem bequaam was, om voor de Comp„s gehuurd en bevragt te konnen wor„ „den Wij hebben het schip selve van binnen en buiten hegt en sterk, maar het tuig en het grootste gedeelte der rond houten ontramponeerd en onbequaam bevon¬ „den, Dit aiend over zulx hersteld het schip gecalfaat en het roer dat mede eenige reparatie vereischt geligt en aan land gebragt te worden. Deeze reparatien denken wij dat met een toereikend getal arbeidslieden en an„ „der volk binnen de tijd van drie weeken zal te verrichten en dien bodem over zulx in staat te brengen wezen om de reize naar Batavia te onderneemen Hier meede aan de intentie van UwelEd„e Achtb„r verhoopende voldaan te hebben, betui „gen wij met de meeste eerbied te zijn /:onderstond/ Wel Edele Achtbaare Heer (:lager) wer WelEdele Achtbaares on„ „derdanige en gehoorzaame dienaaren. /:was geteekend:) I:n Booms, G„k Springer. /:ter zijde) kalkatte den 27„e Februarij 1767: na lecture van het welke zijn Achtb„e de leeden al verder vertoonde dat de eigenaar van dien bodem de Burger Johan Carel Lodewijk Blume, be¬ reeds een hoope volk in het werk ge„ „steld en aangenoomen had zorg te dragen dat dien kiel op de bepaal„ „de tijd in gereedheid raakte, mits hem maar het nodige volk wierd bygezet: Waar over dan gedelibereerd en gesprooken zijnde, is geresolveerd om de officieren en verdere Scheepe¬ „lingen van het voorsz verongelukte schip daar op te plaatsen en dien kiel tot voor Bernagoor te laaten opbrengen, om alzo te spoediger tot het doen der reize in staat gebracht en des mogelijk, tegen de ordinarie Hier vertrekdag 182 183 de fiskaalg'injungeert om na 't ongeluk vangen: schip en qraeste te doen Collatie van 't restant der gen: te beschrijving voor de Patsa na Battavia in kas getelde weder te late restitueeren vertrek dag van het Noordschip gedepe¬ cheert te worden, en is ook goedgevon„ „den bij deeze aan te teekenen dat de p„r Fiscaal Otto Willem Falck die ten dage dat het besluit tot het huuren van voorm„e bodem genomen is, niet present was, zig thans meede met het zelve geconformeert heeft. Voorts is op de propositie van den Heer Directeur beslooten den evengem prov„e fiscaal dezer Directie te Injun- „geeren, om na het verongelukken van voorm bodem, de Vrouwe Petro¬ „nella enqueste te doen, mitsgaders ingevolge de ordres van Haar Hoog Ed„: vervat bij g'eerde missive, naar de„ „ze Directie van den 15„e AugC„s 1719, de maandgelden van alle de schip breukelingen te laaten stil staan, van dien dag af dat dezelve het schip hebben moeten verlaaten, ofte den 31„e Januarij Jleeden, dog die der ge¬ „meene scheepelingen, van heeden af, dat op het voorme gehuurde schip de Hector overgaan, weder te laa„ „ten Coers neemen. besluit om het door Bleeme En dewijl de eigenaar van het laastgem„e schip voor de hem op den 27„e der bovengem: maand met welgelee„ „gen, g'accordeerde passage naar Ba„ „tavia het vragt geld reets in Cassa geteld heeft, dog thans met zijn ei¬ „ge bodem buiten eenige onkosten voor de Comp„e zal overvaaren: zo is op zijne Heer dien aangaande door den Directeur voorgedraagen instantie beslooten het voorm„ vragtgeld weder te rem „bourseeren Laatstelijk werd beslooten alhier aan te teekenen dat het Restant van de genera„ „le beschrijving onder ult„o Ianu: g:collationeerd als mede een nader briefje aan Haar Hoog Edh„s g'approbeerden geteekend, mitsg„s de p„r secre„ „taris bevolen is met het sluiten en afpakken der papieren alle haast te maaken om mor„ „gen van hier verzonden te konnen worden. Actum Hoeglij in Bengale datum ut supra /:get:/ G: L: Vernet, M„r Jsinck, I: H Zinner, M„r Lafont J: M: Ress, O: W: Falck. I: H: H. damius. Jac: Eilbracht secretaris. den 1e. Maart. schip Woensdag

← previousnext →