Inventory 3295
Malabar · 718 pages · 126 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
318 11th Item Page: 38: says: These matters have long been under consideration by the Governor, but he was unable to find an opportunity to speak to the king or his general, the Paliat Achan, about them. Both kept themselves absent from the Court for over six months. And when they were finally obliged to come to the city on the 3rd of August last, and the Governor on that occasion demanded nothing from them, but merely requested in a friendly manner that they inform him: whether a new toll had truly been introduced; how far the limits of the city extended; and under whose authority the Canarins, Banians, and silversmiths actually fell; they showed themselves from the very first moment so prejudiced and visibly agitated that their behavior and attitude, especially that of the Paliat Achan, contained the greatest unreasonableness. For the latter shamelessly denied the introduction of a new toll and even appealed to the testimony of the merchants, although the Governor pointed out to him that those people, along with the beach watchman, had lodged complaints about it; just as they also, having been called afterwards, fully confirmed the truth of their statements in the presence of two ministers of the king, and the Jew Ezekiel Rabbi was moreover obliged, through the conviction of others, to confess: that indeed nothing had been demanded from him personally, but that the lesser merchants had nevertheless been obliged to pay according to a tariff drawn up by himself. And as for the other two points, the king hardly wanted to hear anything of them, under the presumption that they required no investigation, since he held the right of possession, which no one could dispute with him. Now it is indeed true that the king, already from earlier times, has sought through all kinds of practices to appropriate the territory of the city and the possessions of the Canarins, and that he has very nearly partially achieved his aim, 319 and especially in the last five or perhaps ten years has exercised virtually absolute jurisdiction over the Canarins. Yet this is also true and is evident from authentic documents: that the right of the Honorable Company in that respect, even 30 years after the conquest, was so little drawn into doubt that even Mattancherry and the Canarin Bazaar, with the quarters of the Banians and silversmiths, under the name of a Portion of the Plain outside the city, were more than once farmed out for the benefit of the Honorable Company; and that, although after the year 1700 through excessive indulgence by some Commandeurs the maintenance of that privilege was greatly neglected, others on the contrary strongly opposed all encroachments by the king, and when necessity arose even employed more than mere remonstrances; in such a way as happened during the time of Mr. Cunes, who had the heads or overseers of the Canarin Pagoda fetched from the king's palace by a detachment of 50 soldiers, who had been placed under arrest there and forced to sign an ola whereby they bound themselves henceforth no longer to obey the orders of the Honorable Company, but only those of the king. Consequently, it is no long-lasting or peaceful possession, but only a short and constantly contested possession that the king claims to have. And since he, moreover, can produce not the slightest evidence in his favor, we have likewise deemed ourselves not obliged to yield any longer to his groundless pretexts for obtaining a delay, but to proceed on our part with the settlement of the matter. Thus, after mature deliberation in our meeting on the 2nd instant, we have by a publication not only abolished the new toll, but also ordered all subjects of the Honorable Company, but primarily the Canarins, henceforth no longer to address themselves to the king of Cochin or any other native prince for the settlement of their mutual disputes, or for whatever reasons it might be. And 320 when this too was unable to persuade His Highness to enter into a friendly negotiation with us, although a copy of that announcement was sent to him by the secretary and the publication thereof was postponed for so long, we even held on the 10th instant a public farming out of the duties on tobacco, the suri and arrack tap houses, and the petty trade, in and along Mattancherry, the Canarin Bazaar, and the quarters of the Banians and silversmiths, as parts of the territory of this city; which, amidst a large gathering of people, was knocked down for Rupees 3300:– for the duration of 10½ months, or until the end of August next. Thereby the Honorable Company is provisionally restored to the possession of one of the most eminent and essential privileges that it has ever held, and the lawfulness of which was only drawn into doubt because insufficient heed was paid to the consequences of the king's undertakings.
Dutch transcription
318 11=de Stuk Pag: 38: segg: Deeze zaaken hebben bij den Gouverneur al lange in bedenking gestaan. maar hij heeft geene Gelegendhijd kun„ „nen vinden, den koning of dies veldheer den Pallietter daarover aantespreeken. Beijde hebben zig over de ses maanden lang van 't Hoff absent gehouden. En wanneer ze eijndelijk genoodzaakt waren, den 3:' Augustus Jongstleeden in de stad te komen, ende Gouverneur bij die gele„ „gendhijd niet van hien eijschte, maar eenelijk op eene vriendelijke wijze verzogte, hem te willen onderregten: of 'er wezend„ „lijk een nieuwe Thol ingevoert was Hoe verre de limieten van de stad rig uijtstrekten! En onder wien de Cannarijns, Benjaanen en zilversmids eijgendlijk stou„ „den! zo toonden zij zig op 't eerste oogen„ „blik zo voor ingenomen en blijkbaar opgezet, dat hun gedrag en houding voornamendlijk van den Pallietter, de grootste onreedelijkhijd insloot. Want deeze ontkende op eene onbeschaamde wijze het invoeren van een nieuwe Thol, en beriep zig zelfs op op 't getuijgenis van de kooplieden, schoon de Gouverneur hem te gemoed voerden, dat die menischen met den strandwagter daarover waren klagtig gevallen; zo als ze ook naderhand geroepen zijnde, de waarhijd van hun gezegde, in pre„ „sentie van Twee ministers van den koning, volmondig bevestigden, en de Jood. Ezechiel Rhabbij boven dien, door overtuijging van andere genoodzaakt was; temoeten bekennen: Dat hem voor zijne persoon wel niets afgevordert was, maar dat egter de mindere kooplieden hadden betaalen moeten, volgens. een Jarif door hem zelfs opgemaakt. En wat aangaat de overige Twee Pointen, daarvan wilde de koning nauwlijx iets hooren, op voor onderstelling, dat dezelve geen onderzoek noodig hadden; alzo hij in 't regt van Possessie was, dat niemand hem bedisputeeren konde. Nu is 't wel waar, dat de koning al van vroegere tijden af, door allerhande practijcquen gezogt heeft, het Grond gebied van de stad ende bezittingen der Cannarijns zig eijgen temaaken, en dat het ook wijnig scheelt, of hij heeft gedeeltelijk zijn oog„ „merk 319 „merk berijkt, en voor al in de Jongste vijf of mogelijk Thien Jaaren, over de Can„ „narijns, genoegzaam eene volstrekte Iurisdictie geoeffent. maar dit is egter ook waar; en blijkt uijt egte stukken: Dat het Regt van de EComp:e ten dien opzigte, nog 30: Jaaren na de verovering, zo wijnig in twijffel is getrokken, dat zelfs Mattancherij en de Cannarijnse Bazaar, met de Buur„ „ten der Benjaanen en zilversmids, onder de naam van Een Gedeelte van het Pleijn buijten de stad, meer als eens ten behoeve van de EComp:e verpagt zijn geworden; en dat, schoon na 't Jaar 1700: bij zom„ „ninge Commandeurs door al te groote toegeevendhijd, de maintenue van dat voorregt grootelijx verwaarloost is, egter andere weder zig met nadruk tegens alle onderkruijpingen vanden koning aangekant, en bij voorkomende noodza„ „kelijkhijd zelfs meer als bloote vertoogen gebruijkt hebben; invoegen nog gebeurt is, ten tijde vanden Heer Cunes, dewelke door een Detachement van 50: militairen uijt het Paleis van den koning liet haalen, de Hoofden of opzienders vande Cannarijns Pagood. Pagood, die daar in arrest gezet en gedwon„ „gen waren, Eene ola te teekenen, waarbij ze zig verbonden, voortaan niet meer de ordres van de EComp:e, maar alleen die van den koning te gehoorzaamen. Bij gevolg is het geene langduurige nog geruste, maar alleen een korte en steeds betwiste Possessie, die de koning voorwendt te hebben. En hij buijten des geen het minste bewijs in zijn voordeel kunnende produceeren, zo hebben wij ook vermeend ons niet verpligt tevinden, aan zijne ongegrondte voorwendsels ter erlanging van uijtstel, langer toetegee„ „ven, maar van onze kant met de afdoening der zaake voorttegaan. Dus hebben wij, na rijp beraad in onze bij eenkomste op den 2' Courant bij eene Publicatie niet alleen de nieuwe Thol afgeschaft, maar ook alle onder„ „daanen vand' EComp:e, dog voornamendlijk de Cannarijns gelast, zig ter afdoening van hunne onderlinge verschillen, of om wat reedenen het ook zijn mogte voortaan niet meer aan den koning van Cochim of een ander Land-vorst te addres¬ „seeren. En 320 En wanneer dit ook niet vermoo„ „gens was, zijn Hoogheijd te persuadeeren met ons in eene vriendelijke onderhan„ „deling tetreeden, schoon hem door den secre„ „taris een afschrift van die Bekent maa„ „king toegezonden, ende publicatie daar van ook zolange uijtgestelt wierd, zo hebben wij op den 10: Courant zelfs open„ van de „baare verpagting gehouden Geregtigheeden van den Tabacq, De surij- en Aracqs-Japperijen, en den smallen Han„ „del, op en langs mattancherij, de Canas„ „rijnse Bazaar, ende Buurten van de Benjaanen en zilversmids, als gedeeltens van het grondgebied deezer stad; dewelke ook onder een groote toeloop van volk gemijnd zijn voor Rop s 3300:– geduu„ „rende den tijd van 10½ maand, of tot ult:o Augustus aanstaande. Overzulx is de EComp:e dan bij provisie wederherstelt, in de Bezitting van een der uijtminitendste en essenti„ „eelste voorregten, die zij ooit gehad heeft, en waarvan de wettighijd ook maar alleen in twijfel werd getrokken, omdat men op de gevolgen van de onder„ „neemingen des konings geen genoegzaam agt
English
heeded, but left him too much freedom, and not long ago, as is well known, even permitted his toll farmers to pursue the country people into the town, and to demand tolls from those who brought their rice and other provisions to market there. Yet we hope to bring this matter, just as we began it in a gentle manner, to a complete conclusion without much commotion. And because it is indeed of great importance, we would wish to be able to give a more circumstantial report of it at this time. But this is utterly impossible on this occasion. Owing to the shortness of time, the Governor has not yet been able to commit a proper account to paper. And being therefore compelled to postpone the same until a subsequent dispatch, we take the liberty at present merely of enclosing herewith: a copy of the aforementioned proclamation, as well as another of the latest ola that the Governor wrote to the King of Cochin. For these two papers contain in brief everything that bears any relation to the subject of the dispute. And we do not doubt that their contents will for the present be sufficient to show Your High Nobilities in all deference: that we build upon sound grounds, but that the King, on the contrary, resorts to very foolish evasions. Furthermore, we have the honor to present to Your High Nobilities an adjusted Pepper Memorandum, as proof: that during the short administration of the Governor, or in the space of one and a half years, there was gathered a considerable quantity of 2804449 lb; that of this there have already been dispatched 1955192 lb; and that the remainder, 849257 lb, still actually lies in the warehouses for subsequent dispatch. And apart from this, being unable to report anything else concerning the state of this Commandment in general than that, thank God, everything is in good condition, we merely report for the speculation of Your High Nobilities the following news, which we have been assured is true: Namely: In the Gulf of Mocha, trade this year turned out very poorly. And in Surat it stood almost entirely still. In Bombay there still prevailed such a great shortage of money that the Company could scarcely pay its servants. However, of seven ships from Europe, five had already arrived there. And vigorous work was currently being done on a powerful naval armament; with the intention that if the Marathas ceded the island of Salsette, situated between Bombay and Bassein, to the English, to assist them against Hyder Ali Khan; but in the event that they should refuse this, then combined with Hyder Ali Khan, to act against the Marathas. The Portuguese at Goa, as well as the Marathas at Gheriah, and Hyder Ali Khan at Mangalore were likewise busily engaged in each bringing a powerful fleet to sea. Between the Marathas and Hyder Ali Khan the war still continued at its height, and Hyder Ali Khan found himself in great perplexity. At Tellicherry and Mahé great war preparations were being made, and especially at Tellicherry all intercourse with the French was so expressly forbidden by public beat of drum that not even a note might pass back and forth. At Mahé a large public auction has been advertised for the 5th of November next, of all merchandise and goods stored there. And in the territory of the Zamorin, the rebellious Moors have for some time past again committed great outrages. We wish from our hearts that this may have the good fortune to be delivered to Your High Nobilities speedily. And looking forward with longing to Your High Nobilities' pleasure in answer to our previous letters of this year, we remain meanwhile with the utmost deference. Below stood: High Noble, Right Honourable, Widely-commanding Gentlemen, and Noble Gentlemen, Your High Nobilities' humble and obedient servants. Was signed: C. L. Senff, and D. Kelly. In the margin: Cochin, the 15th of October 1774. Agrees: O. To the King of Cochin In our last meeting on the 3rd of August last, I addressed Your Highness regarding the new toll that had been introduced at Mattancherry 4 to 5 years ago; regarding the limits of the town of Cochin, how far they extended; and regarding the Canarins, Banians, and silversmiths, under whose protection and jurisdiction they stood! To the first, Your Highness replied: that it was untrue that a new toll had been introduced at Mattancherry; that at present no other duties were taken than had been taken 100 years ago; and that I must consequently certainly be misinformed in that respect. And when I gave it to be understood hereupon that I could not believe that I had been misled in that manner, since not only the coast-guards, but even several merchants had complained to me about it, the Paliath Achan was bold enough to maintain in an insolent manner: that it was nevertheless true that no new duty was currently demanded, and that if a single merchant could testify to the contrary, he would forfeit twenty thousand rupees as a fine. Regarding the second, Your Highness at first refused to declare yourself positively, saying that the limits of the town were sufficiently known; and that it was also unnecessary to make any definition in that regard, since the Company and the King of Cochin were but one. But when I pressed further on this matter, and remarked that it was very improper that Your Highness demanded tolls and duties even from the Banians and silversmiths who lived close to the town, and that this seemed
Dutch transcription
agt geslaagen, maar hem teveel vrijhijd gelaaten, en aan zijne Pagters nog niet lang geleeden, gelijk bekent is., zelfs toegelaaten heeft, de Landlieden tot in de stad te vervolgen, en Thol te vorderen van de zulke, die hun Rijst en andere Leevens¬ „middelen daar te markt bragten. Dog wij hoopen deeze zaake, zo als wij dezelve op eene zagte wijze begon„ „nen hebben, ook zonder veel opschudding Compleet te eijndigen. En dewijl dezelve inder daat van veel aangelegendhijd is, zo wenschten wij wel instaat tezijn, nu al daar van een omstanderiger berigt te kunnen geeven. Maar dit is bij deeze geleegend¬ „hijd volstrekt onmoogelijk. De Gou„ „verneur heeft mids de korthijd des tijds nog geen behoorlijk verhaal op't papier kunnen brengen. En daarom ge„ „noodzaakt zijnde, het zelve tot eene nadere verzending uijtgestelt telaaten, zo gebruijken wij de vrijhijd thans eenelijk hierneevens tevoegen. Een af„ schrift van de voormeldte Publicatie, zomeede een ander van de laatste ola¬ die de Gouverneur aan den koning van Cochim 321 Cochim geschreeven heeft. Want deeze Twee Papieren bevatten in't kort alles, wat tot het onderwerp van 't verschil, eenige betrekking heeft. En wij twijfelen ook niet, of derzelver Jnhoud zal voor eerst genoegzaam zijn, om uw Hoog Edelens in alle Eerbied te doen zien: Dat wij op goede Gronden bouwen, dog dat de koning in tegendeel, zig met zeer onnozele uijtvlugten behelpt. Nog hebben wij de Eere UW Hoog Edelens aantebieden, Eene effengestelde Peper Memorie, ten blijke: Dat geduu„ „rende het kort Bestier van den Gouver„ „neur, of in den tijd van anderthalf „Jaar ingezamelt is, eene Considerable quantitijt van. . . -. lb: 28'04:449: Dat daarvan bereeds ver„ „ 19'55 192: „zonden zijn - - - - En dat de overige. - -. lb: 8'49'257: nog reël ter naderen verzending in de Pakhuijzen leggen. En buijten des, van den staat deezes Commandements in't algemeen, met anders kunnende zeggen, dan dat zig God dank alles in een goede welstand bevindt: zo melden wij eenelijk nog tot tot speculatie van uw Hoog Edelens het volgende nieuws, dat men ons ver„ „zeekert heeft, in waarhijd te bestaan. Jeweeten: In de Golf van Mocha was de Handel dit Jaar zeer slegt uijtgevallen. En je souratta stond dezelve genoegzaam in 't geheel stil Je Bombaij heerschte nog zulk een groot geld. gebrek, dat de Comp: nauwwlijx haare bediendens betaalen konde Egter waren daar, van seven scheepen uijt Europa bereeds vijf aangekomen. En wierd thans sterk gearbijdt, aan eene magtige uijtrusting ter zee; met oog„ „merk, om als de marhettijs het eijland salset, tusschen Bombaij en Bassijn gelegen, aande Engelschen afstonden, dan haar te helpen tegens Heijder Alichan; dog ingevalle zij dat wijgeren mogten, dan met Heijder Alichan geconjungeert, tegens de marhettijs te ageeren. De Portugeesen te Goa, zowel als de marhettijs te Gerria, en Heijder Alichan te mangaloor waren insgelijx wak„ „ker beezig, ieder eene magtige armade in 322 in zee te brengen. Jusschen de marhettijs en Heijder Alichan continueerde de oorlog nog op zijn sterktste, en bevond Heijder Alichan zig in groote verlegendhijd. Je Jellicherij en mahé wierden groote oorlogs toerustingen gemaakt, en was inzonderhijd te Jellicherij bij openbaare Tromslag alle Conversatie met de Fransen zo uijtdrukkelijk verbooden, dat zelfs geen briefje over en weder mogte gaan. Je mahé is tegen den 5:' november aanstaande, eene groote vendutie uijtgeschreeven, van alle koopman¬ „schappen en Effecten die daar in voor„ „raad leggen. En in 't samorijnse hebben de oproerige mooren, 'tsedert eenigen tijd herwaards weder groote baldaadigheeden gepleegt. Wij wenschen van haaten, dat deezen het geluk mag hebben, uw Hoog Edelens spoedig toegebragt te werden. En met verlangen uw Hoog Edelens Goedvinden te gemoed ziende, in antwoord op onze voorige brieven van dit Jaar, zo blijven wij inmiddens met te met de uijterste Eerbied. /:onderstond:/ Hoog Edele, Groot Agtbaare, wijd gebie„ „dende Heere, En wel Edele Heeren uw Hoog Edelens onderdaanige en Gehoorzaame dienaaren /:was getek:t/ Cn C:n L:k Senff, en D:l Kellij. /:in margine:/ o Cochim den 15:' October Accordeert O: Jen 523 Aan Den Koning van Kochim In onze laatste bij een komste op den 3. Augustus Iongstlieden, heb ik uw Hoogheijd onderhouden: over de nieuwe Thol die 't sedert 4. â 5. jaaren te mattancherij ingevoert was; „de stad over de Limiten van Cochim, hoe verre die zig uijtstrekten; En over de Cannaaijns, Benjaa= nen, en zilversmids onder wiens Protectie en Jurisdictie die stonden! Op Het Eerste heeft uw Hoogheijd, „ het geantwoord: Dat „ onwaar was, dat er een nieuwe Thol op Mattancherij zoude ingevoert zijn; Dat er thans geene andere geregtigheeden geno= „men wierden, dan voor 100. jaaren genomen waren; En dat ik bij gevolg ten dien opzigte zeekerlijk qualijk onderregt moeste zijn. En wanneer ik hierop te kennen gaf, dat ik niet gelooven konde, dat men mij op die wijze wijze misleijdt zoude hebben, dewijl niet alleen de strandwagter, maar ook zelfs verschijdene kooplieden zig daar over bij mij beswaart hadden, zo was de Pallietter stout= „moedig genoeg, op eene onbeschaamte wijze staande te houden: Dat het evenwel waar was, dat er thans geene nieuwe Geregtigheijd ingevordert wierd, en dat als een enkeld koopman het tegendeel konde getuijgen, hij dan Twintig Duijsendt Ropijen tot eene boete verbeuren zoude. Nopens het Tweede heeft Uw Hoogheijd in't eerst gewijgert zig positief te declareeren, zeggende, dat de Limiten van de stad genoegzaam bekent waren; en dat het ook onnoodig was daar omtrent eenige bepaaling te maaken, ver= „mits de Comp: en de koning van Cochim maar een waren. Dog wanneer ik op dit stuk na= „der aandrong, en het als zeer oneijgen aanmerkte„ dat uw Hoogheijd Thollen en Geregtigheeden vorderte zels van de Benjaanen en zilver= „smids, die digte bij de stad woonden, en dat dit scheen
English
seemed to imply that the territory of this city extended no further than its fortifications; thus Your Highness testified that this was indeed the truth; that Your Highness from the earliest times possessed the right to have these tolls and dues collected; and that this could be proven with very old and authentic documents. And as regards the third point, namely the Cannarijns, Your Highness established as an undeniable matter that from the beginning they had been directly under the king and never under the Company. Against this I countered: that it nevertheless appeared otherwise from the papers; that several of my predecessors had not been willing to grant the kings of Cochim the least jurisdiction over the Cannarijns; that Your Highness, even during the latest invasion by the king of Trevancoor, had declared in writing that the Cannarijns were directly subject to the Company; and that according to the content of the capitulation concluded with the general of the Portuguese upon the conquest of the city, this could not possibly be otherwise; for therein, in express words, the Cannarijns and native Christians, together with the city, its jurisdictions, ancient privileges, revenues, lands, etc., had been surrendered at the same time to the Company; and since the city and the native Christians to this day were still under the Company without the least contradiction, on that ground its right to the Cannarijns could not be called into question in the least. But all this was disregarded by Your Highness. The legitimate resistance of several commandeurs against the intrigues undertaken by certain kings had been an unjust act of violence. The unprompted declaration regarding Your Highness himself consisted solely of an extorted pretext. The Cannarijns had never been subject to the Portuguese. The truth of this could be confirmed with sufficient evidence. And if those people themselves were questioned, they could not confess otherwise than that they had always been subjects of the king of Cochim, but never of the Company. Thereupon I requested Your Highness to hold a further conference, in order to have not only the principal Jewish merchants, but also the entire community of the Cannarijns, Benjaanen, and silversmiths appear in our presence, and to negotiate further regarding their answer. But to this Your Highness could by no means agree: two Regidores were enough to hear their answer. And although I rejected this with indignation, saying that such matters could not be dispatched by any Regidores, but only by us in person, it nevertheless remained that Your Highness would send Regidores and lay his proofs before me. Having subsequently summoned all those people to my presence and questioned them in the presence of those Regidores, the collective merchants not only presented in person the farmers who had collected the new toll on Mattancherij in recent years, but the Jew Ezechiel Rabbij moreover declared in particular that he himself had drawn up the tariff according to which that collection took place. And as for the Cannarijns, two of their headmen seemed at first to indicate as if they wished to choose the side of the king. But the assembled community, having contradicted this at that very moment and having held a general assembly concerning it in their pagoda the following day, their final and positive answer, as well as that of the Benjaanen and silversmiths, consisted in this: that they had been subjects of the Company from the beginning, and also wished to live and die under its protection henceforth. Thus, with the audacious pretense of the Paliath Achan being hereby destroyed for the present, I had hoped that Your Highness also
Dutch transcription
324 scheen in te sluijten, als of het Grond. Gebied van deeze stad zig niet verder uijtstrekte, dan haare vesten: zo betuijgde uw Hoogheijd dat dit ook de waarheijd was; Dat uw Hoogheijd van de vroegste tijden af het Regt bezat, deeze Thollen en Geregtigheeden te mogen laaten invorderen; En dat dit met zeer oude en egte c stukken beweesen konde werden. En wat aangaat het Derde of de Cannarijns zo stelde uw Hoogheijd als eene ontwijffelbare zaak vast, dat die van den beginne af direct onder den koning en nooit onder de Comp: gestaan hadden. Ik bragte hier tegen in: Dat dit evenwel uijt de Pa= „pieren anders bleek; dat verschyden mijner voor= „zaaten aan de koningen van Cochim geen het minste Regts-Gebied over de Cannarijns hadden willen toestaan; Dat uw Hoogheijd zelfs bij de Iongste invasie van den koning van Trevancoor schriftelijk verklaart hadde, dat de Cannarijns direct onder de Comp: ston= „den; en dat dit ook volgens den Inhoud der Capi= „tulatie, met den Generaal der Portugeesen bij de verovering der stad geslooten, onmogelijk anders zijn zijn konde; want dat daarbij in uijtgedrukte woorden, de Cannarijns en Inlandsche Chris¬ „tenen met de Stad, haare Iurisdictien, oude Privilegien, Inkomsten. Landerijen ensz: te gelijk aan de Comp: overgegeven waren; En dewijl de stad en de Inlandsche Christenen tot heeden nog zonder de minste tegenspraak stonden onder de Comp:, dat uijt dien hoofde ook haar Regt tot de Cannarijns in't minste in geen twijfel te trekken, was. Dog dit alles quam bij uw Hoogheijd in geene aanmerking De regtmatige tegenstand van eenige Com= „mandeurs tegens de in't werk gestelde onder= „kruijpingen van zommige koningen, was eene onregtvaardige geweldpleeging geweest De ongevergde declaratie over uw Hoogheijd zelfs bestond alleen in een afgedwongen voor „wendsel. De Cannarijns hadden nooit onder de Portugeesen gestaan. De waarheijd hier van konde met suffisante bewijzen bevestigt wer= „den. En die menschen zelfs gevraagt zijnde zouden 325 zouden ook niet anders bekennen kunnen, dan dat ze althoos onderdanen van den koning van Cochim, dog nooit van de Comp: waren geweest. Hierop verzogte ik uw Hoogheijd tot eene nadere conferentie, om niet alleen de voornaamste Ioodse kooplieden, maar ook de gantsche Gemeente der Cannaaijns, Benjaanen, en zilversmids in onse presentie te laaten komen, en over hun antwoord verder in onder= „handeling te treeden. Dog daartoe konde uw Hoogheijd geen zinds verstaan: Twee Ragiadoors waren genoeg om hun antwoord aan te hooren En schoon ik dit met verontwaardiging verwierp„ zeggende, dat zulke zaaken door geene Ragiadoors, maar alleen door ons in persoon konden afge= „daan werden, zo bleef het egter daarbij, dat uw Hoogheijd Ragiadoors zenden, en zijne bewij= „zen voor mij bloot leggen zoude. Vervolgens alle die menschen bij mij ontbooden en ter presentie van die Ragiad=s gevraagt hebbende, zo vertoonden de Geza= „mentlijke zijn konde; want dat daarbij in uijtgedrukte woorden, de Cannarijns en Inlandsche Chr „tenen met de Stad, haare Iurisdictier oude Privilegien, Inkomsten. Landerije ensz: te gelijk aan de Comp: overgegeven waar En dewijl de stad en de Inlandsche Christe tot heeden nog zonder de minste tegenspra stonden onder de Comp:, dat uijt dien hoofde ook haar Regt tot de Cannarijns in't mins„ in geen twijfel te trekken was. Dog dit als quam bij uw Hoogheijd in geene aanmerking De regtmatige tegenstand van eenige Co„ „mandeurs tegens de in't werk gestelde on „kruijpingen van zommige Koningen, w eene onregtvaardige geweldpleeging geweest De ongevergde declaratie over uw Hooghe„ zelfs bestond alleen in een afgedwongen voo„ „wendsel. De Cannarijns hadden nooit onder de Portugeesen gestaan. De waarheijd hier van konde met suffisante bewijzen bevestigt we „den. En die menschen zelfs gevraagt zijnd zouden 325 zouden ook niet anders bekennen kunnen, dan dat ze althoos onderdanen van den koning van Cochim, dog nooit van de Comp: waren geweest. Hierop verzogte ik uw Hoogheijd tot eene nadere conferentie, om niet alleen de voornaamste Ioodse kooplieden, maar ook de gantsche Gemeente der Cannaaijns, Benjaanen, en zilversmids in onse presentie te laaten komen, en over hun antwoord verder in onder= „handeling te treeden. Dog daartoe konde uw Hoogheijd geen zinds verstaan: Twee Ragiadoors waren genoeg om hun antwoord aan te hooren En schoon ik dit met verontwaardiging verwierp„ zeggende, dat zulke zaaken door geene Ragiadoors, maar alleen door ons in persoon konden afge= „daan werden, zo bleef het egter daarbij, dat uw Hoogheijd Ragiadoors zenden, en zijne bewij= „zen voor mij bloot leggen zoude. Vervolgens alle die menschen bij mij ontbooden en der presentie van die Ragiad=s gevraagt hebbende, zo vertoonden de Geza= „mentlijke mentlijke kooplieden niet alleen in persoon de Pagters, die de nieuwe Thol op mattancherij 't sedert de jongste Iaaren ingevordert hadden, maar de Jood Ezechiel Rabbij verklaarde boven dien in't bijzonder, dat hij zelfs het Tarif gemaakt hadde, waarna die invor= „dering geschiede. En wat de Cannarijns aangaat, Twee van derselver hoofden scheenen wel in't eerst te kennen te geven, als of ze de zijde van den koning wilden kiesen. Dog de aanweesende Gemeente dit op het zelfde oogenblik tegen gesprooken, en 'sanderen dags daar over eene algemeene vergadering in hunne Pagood gehouden hebbende, zo bestond hun eijndig en positief antwoord zo wel, als dat van de Benjaanen en Zilversmids hier in: Dat zij van den beginne af onderdanen van de Comp: geweest waren, en onder derzelver bescherming ook verder leeven en sterven wilden. Dus hier meede althoos het stoutmoedig voorgeven van den Pallietter voor eerst vernietigt zijnde, zo hadde ik hoope, dat uw Hoogheijd ook
English
also now come a little closer, and would at least bring forward some reasons whereby the subject of our dispute could be clarified and subsequently settled in friendship between us. But the contrary has occurred. The two olas written to me by Your Highness after receiving the report from the Regidores indeed contained various untruths, but no reasons relating to the matter. I was even sufficiently accused therein in express words, as if I were improperly seeking to draw his subjects away from him. And as if that were not yet enough, Your Highness demanded commissioners of me, just as if it were more fitting to enter into further conference with my Council than with me. Nevertheless, though not unnoticed, I let this pass unanswered. I merely represented further to Your Highness that this matter could not be settled by commissioners, and that I also believed the less agitation Your Highness made, the better it would be. Yet this too found no acceptance. Your Highness not only persisted in his intention of wanting commissioners, but even desired that I should send the entire Council, in order to be able to show them his proofs of right and possession. Thus four Council members with the two interpreters came to Your Highness. I firmly believed that these, if not actual proofs, would at least obtain some disclosure of the reasons upon which Your Highness's conduct in this matter rests. But I found myself greatly deceived in my expectation, for their entire report consisted solely of this trifling answer from Your Highness: that Your Highness could not yet disclose his proofs, because they, written on a copper plate, lay buried under the ground in a certain pagoda; but that Your Highness would retrieve them from there after the lapse of forty-two days and show them to me; and if that would not help, that Your Highness would then write to Batavia and request four gentlemen of the Government as commissioners. And with this it has remained until today. I have purposely sat still for so long, to see if Your Highness might perhaps change his mind, and without further detours take a closer step toward an amicable settlement; but since time passes uselessly, and with the arrival of the expected ships I shall have other work, I deem it necessary that this matter now be settled as quickly as possible. For that reason I write this ola; and I request Your Highness very kindly to set aside all trifles and evasions from now on, and to answer with reason and emphasis to the three points about which I entertained Your Highness in our last meeting. For I cannot wait any longer. And if Your Highness does not satisfy my demand within the eight days, I shall be obliged to make use of such means as the proofs I have in hand shall require, in order to avert all irregularities in the tolls, and to restore the Honorable Company with respect to the Canarins, Banians, and silversmiths, as well as regarding the territory of the city, to its old right, the validity of which is now questioned without reason. Cochin, the 15th of September 1770. Was signed: C. L. Senff Agrees. H. Schutt Secretary Christiaan Lodewijk Senff, Governor and Director on behalf of the State and the General East India Company of the United Netherlands on the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla, together with the Council of Policy at Cochin. To all who shall see or hear these presents read, greetings: make known, Whereas it has come to our knowledge, and has also convincingly appeared upon close investigation, that the King of Cochin has thought fit for some time past not only to introduce various new tolls and dues at Mattancherry, at the bazaar of the Canarins, and in the so-called Paggadinges, but also to usurp the highest jurisdiction over the community of the Canarins, Banians, and silversmiths, just as if His Highness were fully justified therein, although according to the contracts of the 8th of January 1663, concluded upon the conquest of Cochin with the Portuguese, and two months later with the King himself, the aforesaid lands of Mattancherry, the Canarin Bazaar, and the Paggadinges effectively belong to the territory of this city, and in particular the Canarins passed at the same time from the sovereignty of the Portuguese to that of the Dutch Company, and have since always been regarded, together with the Banians and silversmiths, as its lawful subjects, over whom it alone and no one else may exercise any authority and jurisdiction; so it is that we, wishing to provide herein and oppose the unlawful encroachment of the King of Cochin, find ourselves obliged to make known, enact, and ordain, as we make known, enact, and ordain by these presents: Firstly
Dutch transcription
326 ook nu een wijnig nader bij komen, en ten minsten eenige reedenen bij brengen zoude, waardoor het onderwerp van ons verschil opgeheldert, en ver= „volgens in vriendschap tusschen ons afgedaan konde werden. maar het tegendeel is geschied. „Eerste De Twee „ las door uw Hoogheijd na 't ontfangen Rapport van de Ragiadoors aan mij geschreven behelsden wel verschijde onwaarheeden, maar geene reedenen die tot de zaak betrekking hadden. zelfs wierd ik daar bij genoegsaam met uijtgeduukte woorden beschuldigt, als of ik op eene onbehoorlijke wijze zijne onderdanen van hem zogte afte trekken. En of dat nog niet genoeg ware, zo eijschte uw Hoogheijd van mij Gecommitteerdens, even of het gevoeglijker, was, met mijnen Raad dan met mij verder in conferentie te treeden. Nogthans liet ik dit Schoon niet onge= „merkt, egter onbeantwoord passeeren. Ik voerde uw Hoogheijd eenelijk nader te gemoed: Dat deeze zaak door geene Gecommitteerdens konde afgedaan werden, en dat ik ook geloofde hoe minder beweeging g beweeging uw Hoogheijd maakte, hoe beeter het zijn zoude. Dog ook dit heeft geenen ingang gevonden uw Hoogheijd bleef niet alleen bij zijn opzet, om Gecommitteerdens te willen hebben, maar begeerde zelfs dat ik den Gantschen Raad zoude zenden, ten eijnde daar aan zijne Bewijzen van Regt en Possessie te kunnen vertoonen. Dus zijn dan vier Raads. Leeden met de Twee Tolken bij uw Hoogheijd gekomen. Ik ver= „meende vast, dat deeze, zo al geene egte bewijzen ten minsten eenige opening erlangen zouden van „gehouden. de reedenen waar op uw Hoogheijds „ gedrag in dezen steunt. maar ik heb mij in mijne verwagting grootelijx bedrogen gevonden. want hun gantsch Rapport heeft alleen bestaan, in dit beuzelagtig antwoord van Uw Hoogheijd: „ Dat uw Hoogheijd zijne bewijzen nog niet „bloot leggen konde, om dat deselve op een koperen „Plaat geschreven, in zeekere Pagood onder de „ Grond begraven lagen; dog, dat uw Hoogheijd „die 327 „die na verloop van Twee en veertig dagen „daaruijt haalen en aan mij vertoonen zoude; „en als: dat niet helpen wilde, dat uw Hoog= „heijd dan naar Batavia schrijven, en om „vier Heeren van de Regeering als Commis= „sarissen verzoeken zoude „ En hier bij is het tot heeden gebleeven. Ik heb met opzet zo lange stil gezeeten, om of uw Hoogheijd zomtijds van ge= „dagten veranderen, en zonder verder om wegen een naderen stap tot een minne „lijk vergelijk doen mogte: maar dewijl de tijd onnut voorbij loopt, en ik met de aankomst der verwagte scheepen ander werk zal krijgen; zo agte ik noodig, dat deeze zaak nu ten spoedig- „sten afgedaan werd. Uijt dien hoofde schrijf ik deeze ola; en ik versoek uw Hoogheijd zeer vriendelijk, van nu af alle beuzelingen en uijt vlugten aan de Nagezien Morijn de kant te willen stellen, en met reeden en nadruk te antwoorden, op de Drie Poincten, waar over ik Uw Hoogheijd in onze laatste bij eenkomste heb onderhouden gehad. want ik kan niet langer wagten. En als uw Hoogheijd binnen de Agt dagen niet aan mijnen Eijsch voldoet, zal ik genoodzaakt zijn mij van zulke middelen te bedienen als de be= „wijzen, die ik in handen heb, vereijschen zullen, om alle ongeregeltheeden in de Thollen te weiren, en D' EComp: ten opzigte van de Cannarijns, Benjaanen, en Zilversmids, zo meede ten belange van het Grondgebied der stad weder te herstellen, in haar oud Regt, welks deugdelijkheijd thans zonder reeden in dwijffel getrokken werd. Cochim Den 15. September 1770: /was getekend:/ C: L: Senff Accordeert. H Schutt Secret: 328 Christiaan Lodewijk Ien gouverneur en Directeur Wegens den Staat en de Compagnie der Vereenigde Generaale oostindische ƒ p Nederlanden ter Custe Mallabaar Canara, en Wingurla, Benevens den Raad van politie te Cochim. Allen den Ienen die deesen zullen sien, ofte horen Desen, te weeten Dat Salut, doen Nademaal ter onser kennis gekomen, en bij nauwkeurig Onderhoek ook overtuijgende Geblee¬ p ƒ „kens is, dat de koning van Cochim, heeft Kunnen 't zedert eenigen tijd herwaards niet Goedvinden ƒ alleen op Mattancherij, op de bazaar der Camma= „rijns en inde zoo genaamde Paggadinges ver= „scheide nieuwe thollen en geregtigheeden in te= „voeren, maar ook zig over de gemeente der Canna= „rijns, Benjaanen en zilver Smidts de hoogste Jurisdictie aan te matigen, even als of zijn 1770: zijn hoogheijd daar toe volkomen gewettigt Ware, ƒ daar nog thans volgens de Contracten den 8. Januarij 1663. bij de verovering van Cochim met de portugee= „sen, en twee maanden naderhand met den thoning ƒ selfs geslooten de voormelde Landen van Mattin„ „Cherij, de Cannarijnse Basaar, en de Lagga= „ditnges effective tot het gront gebied van deese stad behooren, en in't bijzonder de Cannarijns te gelijker tijd van de opperheer schappij der portugiesen tot die van de Nederlandse Compag¬ „nie overgegaan, en 't sedert ook althoos met een beneevens de benjaanen en Zilver Smits als wettige onderdaanen van haar aangemerkt zijn, Waar over zij alleen en niemand anders eenig gesag en Regtsgebied oessenen mag, zoo is het dat wij hier in Willende voorsien, en den onge= regten indrang van den Koning van Cochim tegen gaan ons verpligt vinden bekent te= maaken, te statueeren en te ordonneeren gelijk wij bekent maaken, statueeren, en ordonneeren bij deesen Eerstelijk
English
329 Firstly: that from this day forward shall cease and forever stop, all farmings and collections that up until now have been made in the name and for the benefit of the King of Cochim within the limits of the territory of this city, at Mattancherij, the Cannarijns bazaar, the Paggadinges and other places; and that the inhabitants and possessors of the gardens, lands, and houses of this district shall not be obligated to pay any tolls or dues to anyone, other than solely to the Dutch Company, in such amount as shall in due time reasonably be imposed upon them. Secondly: that likewise from this day forward shall cease and forever stop, all legal coercion and acts of violence that up until now have been practiced in the name and on behalf of the King of Cochim within the aforesaid limits; and that His Highness for that reason henceforth shall not only never again send any armed men onto the Company’s territory, but also shall not exercise any jurisdiction over any Cannarijn, Banyan, or Silversmith. Thirdly: that also in the future no Cannarijn, Banyan, Silversmith, or other subject of the Honorable Company shall be permitted to go with his complaints or grievances to the King of Cochim or other princes and lesser rulers of the land, and there seek justice; but that all claims and disputes which they might have against one another shall be brought before the Governor, or those who shall be authorized by him to hear such complaints and to administer justice in his name. 530 And fourthly: that all the aforementioned subjects, but principally the Cannarijns, Banyans, and Silversmiths, who act contrary to this, or place themselves under a foreign protection, and thus might not recognize the Dutch Company as their lawful authority, shall not only lose the privileges of their community, but moreover shall also, according to the findings of the case, be punished in body and property. Charging and commanding therefore all those who fall under the Dutch Company and our authority, and principally those who have their residence and dwelling within the limits of the territory of this city, not only to observe carefully and literally comply with this our arrangement and order, but also otherwise to conduct themselves entirely as befits and is proper for faithful and obedient subjects of the Honorable Company. We also very kindly request the King of Cochim and all other princes and rulers of the land who stand in friendship and alliance with the Honorable Company, likewise to take note of this proclamation for their guidance, and to do nothing that is contrary thereto, in order to avoid all difficulties that could arise therefrom, and against the consequences of which we expressly protest, leaving the same to the account and responsibility of all those who might undertake to make any infringement upon the Honorable Company’s rights and possessions. And so that everyone whom it concerns may all the better obtain the necessary knowledge hereof, this patent shall not only be published in the customary place, but also translated into the Portuguese and Malabar languages, and affixed inside and outside the city, at Mattancherij, the Cannarijns bazaar, and the Paggadinges. 331 Inspected Ar: Paorteles Affixed was written below: Thus done and given in the city of Cochim on the first of October A:o 1770. was signed C: L: Senff. at the side was placed: the Company's seal stamped in red wax, and around it written, By order of the Right Honorable Lord Governor and Director along with the Council mentioned herein. was signed A: R: Schultz secretary. Agrees H Schultz Secretary No 5. Received. At Calicoilang. From the King of Trevancoor: lb 227175. Privately purchased: lb 6077. — lb 233252. At Porca. From the King of Trevancoor: lb 634289. Privately purchased: lb 5337. — lb 639626. At Cochim. From the Jewish merchant Ezechiel Rabbij: lb 52063. At Cannanoor. From the Moorish Ruler there, Adie Ragia: lb 102512. Privately purchased: lb 100. — lb 102612. At Papernettij. Privately purchased: lb 15349. At Cranganoor. From the King of Trevancoor: lb 23900. Privately purchased: lb 24114. — lb 48014. Total: lb 1090916. At Calicoilang. From the King of Trevancoor: lb 279324. Privately purchased: lb 3000. — lb 282324. At Porca. From the King of Trevancoor: lb 1131391. Privately purchased: lb 4642. — lb 1136033. At Cochim. From the Moorish Ruler at Cannanoor, Adij Ragia: lb 156142. From the same purchased through the Jewish merchant Ezechiel Rabbij, and delivered to the Honorable Company: lb 30000. — lb 186142. Carried forward: lb 1604499 — lb 1090916 332 Memorandum of the pepper that has been received and dispatched since the 11th of March A:o 1769 until this date, the last of September A:o 1770. 70 No 5.
Dutch transcription
329 Eerstelijk; dat wan heden af cesseeren en voor althoos ophouden zullen, alle verpag= tingen en invorderingen die tot nog toe uijt naam ende ten behoeve vanden Koning van Cochim binnen de Simieten van het grond= „gebied deeser stad, op Mattancherij, de Casnarijns bahaar, de Paggadinges en andere plaatsen zijn gedaan en dat de bewoonders en bezitters der thuijnen, Landerijen en huijsen van dit district niet verpligt zullen zijn eenigerhande thollen of geregtigheeden aan iemand te betaalen, dan alleen aande Nederlandsche Comp:, zoo veel hem inder tijd, volgens de billijkheid sal opgelegt Werden. —. Ten tweedens dat ingelijken Volgen Van heeden af Cesseeren en voor althoos op houden zullen, alle regtsdwang en geweldladigheeden, die tot nog toe uijt naam en van wegens den koning van Cochim binnen de voorsch: limisten zijn geplugt, en en dat zijn hoogh: uit dien hoofde voor= „taan niet alleen nooit weeder eenig gewapend volk op Comp:s grondge stieet zenden, maar ook over geen Cannarijn, Benjaan of Silversmid, eenige Juris¬ „dictie oeffenen zal. —. Ten derden dat ook in den aanstaande geen Canrarijn, Benjaan, Silversmitt, off ander onderdaan van de E: Comp: vermogen zal met zijne klagten of be= Swaarnissen bij den Koning van Cochim of andere Vorsten en mindere regenten Van 't land te gaan, en daar regt te versoe= „ken, maar dat alle Vorderingen en ver= schillen, die zij op en tegens elkander hebben mogten gebragt zullen werden, Voor den Gouverneur, of de geenen die door hem gewettigt zullen zijn diergelijken Klagten aantehooren, en uit zijnen naa= „me regt te doen. —. En 530 En ten wierden, dat alle de voormelte onderdaanen, dog Voornamentlijk de Canna„ rijns, Benjaanen, en Silver Smids, die hier tegen doen, of zig onder eene Vreemde protectie begeeven, en dus de Nederlandsch Comp: niet voor hunne wettige overheid erkennen mogten, niet alleen de voorreg= „ten van hunne Gemeente Verliesen, maar ook boven dien na bevinding van zaaken aan lijf en goed gestraft t werden zullen. Telabten en beveelende oversulx aan alle, die onder de Nederlandsche Comp: en ons gezag sorteeren, en Voornamenlijk de zulke, die binnen de Limiten van het grond gebied deeser stadt hun verblijf en Wooning houden, deese onse schikking en ordre niet alleen naauw„ „keurig in agt teneemen, en letterlijk op te vol= „gen, maar ook sig buiten des allesins tege„ „dragen, soo als getrouwe en gehoorsaame on¬ E: Comp: betaamt en toe„ VanD „derdaanen „komt. ook naa= „zeer ook versoeken Wij „ Vriendelijk den Koning van Cochim en alle andere Vorsten en regenten Van 't land, die met D' E: Comp: in Vriend„ „schap en Verbintenisse staan, deese bekend maa „kinge insgelijx ter hunner narigt teneemen, en niets tedoen, dat daar tegen strijdig is, ter vermij= „ding van alle moeijelijkheeden die daar uijt zouden kunnen onsstaan, en tegens Welker gevolgen Wij wel uitdrukkelijk protesteeren, en deselve voor reekening en Verandwoording laaten van alle de gene die onderneemen mogten, op 's E. Comp:s regt en bezittingen eenigen inbreuk temaaken. En op dat hier van een ieder, dien, het aangaat soo veel tebeter de nodige kennis mag erlangen, zoo zal dit pattent niet al¬ „leen ter gewooner plaatse gepubliceert, maar ook inde portugeese en Mallabaarse taalen overgezet, binnen en buiten de stad, op Matha „cherij, de Camtnarijns bahaar, en de paggadingjis Ge 331 Nagezien Ar: Paorteles Passigeert werden /onderstond:/ Aldus Gedaan, en Gegeven Inde Stad Cochim den Eersten Octo= A„o 1770. /:was getekend C: L: „ber Senf:/: ter heij stond:/ 'sComp:s Zegul in roode, lache gedrukt, en daar omme geschreeven, Ter ordonnantie van den Wel Edele agtb=e heer Gouverneur en Directeur Nevens den raad in desen gemelde /: was getekend A: R: Schultz serct:s Accordeert H Schutz Secret:s No 5. Ontvangen. Te Calicoilang. van den Koning van Trevancoor . . - - - lb: 227175. —. lb. 93325 Particulier ingekogt - - - - - - - - - - „ 6077. — lb: 233252. – Te Porca. van den Koning van Trevancoor. . - - - lb: 634289. — Particulier ingekogt - - - - - - - - - - „ 5337. – „ 639626. Te Cochim. van den Joods Koopman Ezechiel Rabbij - - „ 52063. Te Cannanoor. van den Moors Regent aldaar, Adie Ragia. lb: 102512. – Particulier ingekogt _ _ _ _ - - - - - - - - „ 100. – „ 102612. Te Papernettij. Particulier ingekogt - - - - - - - - - - „ 15349:— Te Cranganoor. van den Koning van Trevancoor. . . . lb: 23900. –. Particulier ingekogt - - - - - - - - - - „ 24114. –. „ 48014. — Teld - - lb: 1090916. — Te Calicoilang. van den Koning van Trevancoor lb: 279324. — Particulier ingekogt _ _ _ - - - „ 3000. —. lb: 282324. –. Te Porca. van den Koning van Trevancoor. lb. 1131391. – Particulier ingekogt - _ - - - - - „ 4642. –. „ 1136033. – Le Cochim. van den moors Regent te Cannanoor. Adij Ragia _ _ - - - - lb: 156142. — van den zelven door den Joods koopman Rechiel Rabbij, inge„ „kogt, en aan d' Ed: Comp: geleverdt - - „ 30000. –. „ 186142. – Transporteere - lb: 160419:— b:1909:16 Memorie, 332 van de Peper, die sederd den 11. =den Maart A:o 1769. tot dato deezes ultimo September A:o 1770. ontvangen en verzonden is. 70 No 5.
English
Anno 1769. Anno 1770. At Calicoilang. From the King of Trevancoor lb 227175. —. At Porca. From the King of Trevancoor lb 634289. —. Purchased privately „ 5337. – „ 639626. At Cochim. From the Jewish merchant Ezechiel Rabbij „ 52063. — At Cannanoor. From the Moorish Regent there, Adie Ragia lb 102512. — Purchased privately „ 100. – „ 102612. — At Papernettij, Purchased privately „ 15349. — At Cranganoor. From the King of Trevancoor lb 23900. –. Purchased privately „ 24114. –. „ 48014. — Total lb 1090916. — At Caucoilang. From the King of Trevancoor lb 279324. — Purchased privately „ 3000. —. lb 282324. —. From the King of Trevancoor lb 1131391. –. Purchased privately „ 4642. –. „ 1136033. -. At Cochim. From the Moorish Regent at Cannanoor, Adij Ragia lb 156142. — From the same through the Jewish merchant Rechiel Rabbij, purchased and delivered to the Honorable Company „ 30000. –. „ 186142. – Carried forward lb 1604194:— lb 1090916 At Porca. Received. Memorial, 332 of the Pepper, that since the 11th of March Anno 1769 until the date of this, the ultimate of September, Anno 1770, has been received and dispatched. 77. 93395 Purchased privately „ 6077. —. lb 233252. — At Cannanoor, Purchased privately „ 6005. —. At Paponettij, Purchased privately „ 22500. — At Oranganoor. From the King of Trevancoor lb 25000. — Purchased privately „ 55213. —. 80213. — At Chettua, Purchased privately „ 316. ½. 719533 Total lb 1713533. ½. The receipts, in 18 months, amount together to lb 2804449:½. Dispatched. the 29th of April, Per Popkensburg lb 704643.½. the 28th of December, Per Ruijteveld „ 361868. — lb 1066511:½. Anno 1770. the 23rd of March, Per De Barcq, De Falck lb 175783. —. the 22nd of May, Per Ruijteveld „ 644350. — the 15th of October, Per the small ship De Jonge Suzanna „ 63370. –. „ 883503. – Dispatched together lb 1950014:½. To which are added: The provisions, up to lb 218. ½. The deficits, up to „ 4959.½. „ 5178. — Sum lb 1955192:½ Summary Received. From the King of Trevancoor. At Calicoilang lb 506499. — „ Porca „ 1765680. — „ Cranganoor „ 48900. –. lb 2321079. – Carried forward. Anno 1769. Brought forward lb 1604194 lb 1090916. — 333 553 From Adij Ragia. At Cannanoor lb 102512. — Purchased privately. At Cochim lb 52063. – „ Calicoilang „ 9077. – „ Chettua „ 316.½. „ Paponettij „ 37849. —. „ Cranganoor „ 79327. –. „ 194716.½ The receipts amount together to lbs 2804449:½ The dispatch and write-off, on the other hand, only „ 1955192:½. Remainder, for that which still lies in the Warehouses; viz.: at Porca lb 565433. — „ Calicoilang „ 282324. „ Cranganoor „ 1500. –. together, Pounds: 849257. — Cochim, the ultimate of September, Anno 1770. — was signed: Dr. Kellij. — „ Cannanoor „ 6105: — „ Porca „ 9979. — At Cochim „ 186142. –. „ 288654. — Brought forward lb 2321079. — Agreed. A De Hartogh Trade 533 449 2½. 79. — Checked by: A: Boregter Memorial of the Pepper that was collected at the Malabar Coast since the 11th of March 1769 until the ultimate of September, Anno 1770— And what was dispatched thereof. No. 6
Dutch transcription
A:o 1769. A:o 1770. Te Calicoilang. van den Koning van Trevancoor. . . - - - lb: 227175. —. Te Porca. van den Koning van Trevancoor. . . . . - - lb: 634289. —. Particulier ingekogt - - - - - - - - - - „ 5337. – „ 639626. Te Cochim. van den Joods koopman Ezechiel Rabbij - - „ 52063. — Te Cannanoor. van den Moors Regent aldaar, Adie Ragia. lb: 102512. — Particulier ingekogt _ _ _ _ - - - - - - - - „ 100. – „ 102612. — Te Papernettij, Particulier ingekogt - - - - - - - - - - „ 15349. — Te Cranganoor. van den Koning van Trevancoor. . . . lb: 23900. –. Particulier ingekogt - - - - - - - - - - „ 24114. –. „ 48014. — Teld. - - lb: 1090916. — Te Caucoilang. van den Koning van Trevancoor lb: 279324. — Particulier ingekogt _ _ – – - - „ 3000. —. lb: 282324. —. van den Koning van Trevancoor. lb. 1131391. –. Particulier ingekogt - _ _ - - - - „ 4642. –. „ 1136033. -. se Cochim. van den moors Regent te Cannanoor. Adij Ragia - _ - - - - lb: 156142. — van den zelven door den Joods koopman Rechiel Rabbij, inge„ „kogt, en aan d' Ed: Comp: geleverd - - „ 30'000. –. „ 186142. – Transporteere . lb: 1604194:— b:1909:16 Te Porca. Ontvangen. Memorie, 332 van de Peper, die sederd den den 11. =den Maart A:o 1769. tot dato deezes ultimo September, A:o 1770. ontvangen en verzonden is. 77. 93395 Particulier ingekogt - - - - - - - - - - „ 6077. —. lb: 233252. — Te Cannanoor, Particulier ingekogt - - - - - -„ Te Paponettij. Particulier ingekogt. _ _ - - - - - „ 22500. — Te Oranganoor. van den Koning van Trevancoor. -. lb: 25000. — Particulier ingekogt _ _ _ _ _ _ _ _ - - „ 55213. —. 80213. — 316. ½. Te Chettua, Particulier ingekogt - - - - - - - - - „ 719533 Teld - - - - - - - lb: 1713533. ½. Den ontvangst, in 18. maanden, be„ „draagd te saamen. . . . . . . . . . . . . lb: 2804449:½. verzonden. sten den 29. den April, P:r Popkensburg - - - - - lb: 704643.½. sten den 28. =ten December P:r Ruijteveld - - - - - - - „361868. — l: 106511:½. A:o 1770. ston den 23. =en Maart, P:r De Barcq, De Falck. . . lb: 175783. —. 99 sten den 22. en Meij, P:r Ruijteveld _ _ _ - - - - - - „ 644350. — den 15=den october, P:r het smal schip de Jonge Suzanna „ 63370. –. „ 8'83503. – Te saamen verzonden. . lb: 1950014:½. waar bij voege. De verstrekkingen, tot: - - - - - - - - - - lb: De minderheeden. tot: - - - - - - - - - - - - „ 4959.½. „ 218. ½. 5178. — Somma. . - - -lb: 1955192:½ Sommarium ontvangen. van den Koning van Trevancoor. Te Calicoilang. . . . . . . lb: 506499. — „ Porca _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ „ 1765680. — „ Cranganoor _ _ _ _ _ - - - - - - „ 48900. –. lb: 2321079. – Transporteere. A:o 1769. P„r Transport - - - lb: 160494 lb 190916. — 6005. —. 333 553 van Adij Ragia. Te Cannanoor. . . . . . . . . - - lb: 102512. — Particulier, Ingekogt. Te Cochim. . . . . - - - - - lb: 52063. – „ Calicoilang - - - - - - - - - - - „ 9077. – „ Chettua - - - - - - - - - - - - „ 316.½. „ Paponettij - _ _ _ _ - - - - - - „ 37849. —. „ Cranganoor - - - - - - - - - - „ 79327. –. „194716.½ l28 De ontvangst, bedraagd te saamen - - - - - lbs 2804449:½ De verzending en afschrijving, daar en teegen, maar „1495192:½. Rest, voor 't geen nog in de Packhuijsen Legdl; als: te Porca _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ lb: 565433. — „ Calicoilang - - - - - - - - - „ 282324. „ Cranganoor _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ - „ 1500. –. 849257. — te saamen, Ponden: Cochim, ultimo September, A:o 1779. — /:was geteekend:/ D:r Kellij. — „ Cannanoor. . . . . - - - - - - „ 6105: — „ Porca - _ _ _ _ _ - - - - - - „ 9979. — ƒ Te Cochim _ _ _ _ _ _ - - - - - „186142. –. „ 288654. — lb: 232 P„r Transport - - - lb: 2321079. — Accordeerd. A De Hartogh Negotie 533 449 2½. 79. — Nagezien door: A: Boregter Memorie. van de Peper; die ter Custe Mallabaar ge den sederd den 11.=en Mart 1769. tot ultimo september, A:o 170. ingesaameld— En wat Daar van: verzonden No. 6 is.