Inventory 3327
Malabar · 1,236 pages · 221 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
53 Tuesday the 2nd of October Anno 1770. Twelve Moorish families complain about the demands of the King of Cochim, request to be protected against this. Insertion of their petition. To notify the church council. Having also read another written petition from twelve Moorish families, whose heads have always served here as Sarangs, complaining that the King of Cochim has, for the recent years past, compelled them to pay certain duties to His Highness, whereas they have always been exempt from all tributes, both in the time of the Portuguese and afterwards under the Honorable Company, and have always stood under Your Honors' special protection, with the request to be exempt and protected from these new duties, as of old; as can be seen more extensively here below: To the Right Honorable, Highly Esteemed Sir Christiaan Lodewijk Senff, Governor Tuesday the 2nd of October Anno 1770. Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara and Wingurla. Right Honorable, Highly Esteemed, Commanding Sir! Show with deeply indebted respect, very reverently, Your Right Honorable's humble, lowly and very obedient servants, the Moorish Sarangs to the number of 12 families, named Pakar Mamadoe, Bigarij Bapo, Tandoaij Bapa, Ema Assenen, Assen Coenje, Jma Boegarij Alwase, Hoessen, Nasar Mirangij, Sando Car, inhabitants of the Moorish bazaar, how the Portuguese, at the time when they came here to the Coast, had brought the ancestors of the petitioners with them from Souratta, and 55 Tuesday the 2nd of October Anno 1770. and when the Portuguese departed from here, they handed the petitioners over to the Dutch Company to perform their services for the same, and from that time on, they have performed their service for the Honorable Company, likewise always enjoying Your Honors' protection; In the administration of the Honorable, Esteemed Sir Commander Godefridus Weijerman, the King of Cochim wishing to introduce a certain duty upon the gardens and lands of the petitioners, the petitioners came with their complaint to His Honor, whereupon His Honor issued orders that the petitioners remained exempt from the payment of those duties, but in the time of the Honorable, Esteemed Sir Commander Cornelis Breekpot, the King of Cochim raising that claim against the Tuesday the 2nd of October Anno 1770. petitioners once again, the petitioners came with their grievances to the aforementioned Esteemed Sir Breekpot, but received as an answer that His Honor did not wish to meddle with that affair, which the King hearing, he began to inflict such vexations against the petitioners that they were compelled to yield and pay those imposts to His Highness, which is now four years ago. When one of the petitioners happens to die without heirs, his estate falls to the Honorable Company, being their patron; therefore the petitioners turn humbly to Your Right Honorable, humbly begging and beseeching to be pleased to protect them, as Tuesday the 2nd of October Anno 1770. Resolution to request the King of Cochim to leave those people free as of old from the payment of duties. as of old, as well as to liberate them from those new duties, awaiting hereupon a favorable and advantageous apostil. Which doing, etc. Was signed with some Moorish characters placed by the petitioners themselves. In the margin: Cochim the ... September Anno 1770. Lower: Seen, signed S. van Jongeren, Sworn Translator; Thus it was approved and resolved to have the King of Cochim addressed in this regard, and to request His Highness that these people, as of old, may remain free from the payment of duties, in so far as they possess their houses, gardens, and lands in private property and do not hold the same from His Highness on loan or on long-term lease; Furthermore, the Governor Misconduct of the internal regent of the Leper House, the Surgeon van Luijk. Resolution to remove him therefrom and to reinstate the Surgeon Jan van Leeuwen therein. Tuesday the 2nd of October Anno 1770. informed the meeting that the external regents of the Leper House had made a report to His Honor regarding the continuous bad conduct of the present internal regent, the Surgeon Jacobus van Luijck, in that he does not shrink from mistreating the poor and miserable lepers through verbal abuse, beating, and otherwise; which could no longer be tolerated: thus, upon the proposal of His Honor, it was approved and resolved to remove the aforementioned van Luijk from his office as internal regent, and to appoint in his place the Surgeon Johannes van Leeuwen, stationed at Cranganoor, in whose place the Third Surgeon Jan Gunther from here is to be sent to the aforementioned fortress.
Dutch transcription
53 Dingsdag Den 2. ' October A:o 1770. Twaalf moorse huijs gesinnen betwag= ren zig over den Cochimsen koningen heesen versoeken daar tegen geprotegeert temogen werden insertie van derselver request kerken Raad kennis te geeven. Nog geleesen sijnde een ander schriftelijk Request van twaalf moorsch hett moeten opbrengen van geregtig- huijs gesinnen, waar van de hoofden hier altoos dienst gedaan hebben als Sarangs, sig beswaarende dat den koning van Cochim sedert de Jongste Jaaren herwaarts, hen genoodzaakt heeft eenige geregtigheeden aan sijn hoogheijt optebrengen, daarse altoos, zoo wel ten tijde der portugeesen als naderhand bij d' ECompagnie van alle schattingen sijn bevrijdt gebleeven, en altoos onder haar Edele speciaale protextie gestaan hebben, met versoek, om van die nieuwe geregtigheeden, bevrijt en geprotegeert te mogen werden, als van ouds; zoo als dhier onder breedvoeriger tesien is Aan den Wel Edele Groot Agtba: heer Christiaan Lodewijk Serff Gouverneur Dingsdag den 2:' October A:o 170. Gouverneur en directeur der Custe mallabaar Canara en winguala. Wel Edele, Groot Achtbaaren, Welgebiedende Heer! Geeven met diep schuldig Eer„ „bied seer reverentelijk te kennen, uwel Edele Groot Achtbaaren oot„ „moedige, nedrige en seer gehoorsame dienaaren, demoorse sarangen ten getalle van 12. huijsgesinnen, met name Pakar mamadoe, Bigarij Bapo, Tandoaij Bapa, Ema Assenen, assen Coenje, Jma Boegarij Alwase hoessen, Nasar Mirangij, sando Car inwoonders op de moorse bassaar„ hoe dat de portugeesen ten tijde toen zij hier ter Custe quamen, de voorsaaten van de supplianten van Souratta mede gebragt hadben en 55 Dingsdag den 2:' october A:o 1770 en toen de portugeesen van hier ver„ „trocken, hebben sij de supplianten aan de hollandsche Compagnie over„ „gegeeven, om haare dienst bij desel„ „ve te presteeren, en van die tijd af aan, hebben zij hun dienst bij d' EComp: gedaan, Genietende haar Edele protextie ook altoos; Jn de Regeering van den E E. Agtbaaren heer Commandeur Godefridus Weij„ „erman, den koning van Cochim zeekere geregtigheijd op de phuijnen en landerijen van de supp=ten willende Jnvoeren, quamen de supplianten, met haare klagte bij zijn E. E: Agtba„ als wanneer zijn E. E. Agtbaaren ordre stelden dat de supplianten bevrijd bleeven, van de betaaling dier ge„ regtigheeden, dog ten tijde van den E: E. Agtbaaren heer Commandeur Cornelis Breekpot, den Koning van Cochim, die pretentie tegens de Dingsdag den 2. ' october A:o 1720 de supplianten alweeder formee„ „rende, quamen de supplianten met hunne beswaarnissen bij gem: Agtbaaren heer Breekpot maar bequamen tot antwoord dat zijn E: E: Agtbaaren zig met die zaek niet bemoeijen wilde, het gunt den koning hoorende, begon sodanig vexaties tegens de supplianten te pleegen dat zij ge„ „noodzaakt zijn geweest, die Jnposten aan zijn aan zijn hoogheijd opte„ „brengen en te betaalen, dat nu vier Jaaren geleeden is. wanneer een van de Supplianten sonder erf„ „genaamen komt te sterven ver„ „valt zijn nalatenschap aan d' EComp: als schutsheer van haar zijnde dierhalven keeren de Supplianten demoediglijk tot uwel Edele Groot Agtbaaren, needrig bidden en smee„ „kende, haar te willen beschermen als Dingsdag den 2. October A:o 1770. besluijt den koning van Cochim te= versoeken die menschen vrij telaten als van ouds, mitsgaders te libe„ „reeren van die nieuwe geregtigheeden, verwagtende hier op een gunstig en favorabel apostil /:onderstond/ 'T welk Doende &=a /:was getekend:/ met eenige moorse Caracters door de supplianten selven gesteld /in mar„ gine:/ Cochim den. . September A:o 1770. /:lager:/ gesien /:getekend/ S: van Jongeren Geswoore Translateur; Zo wierd goedgevonden en van betalinge van geregtigheeden verstaan, den koning van Cochim dien aangaande te laaten onderhouden, en sijn Hoogheijdt te versoeken, dat deese menschen Gelijk van ouds, van betaaling der Geregtig„ „heeden vrij mogen blijven, in zoo zij hunne huijsen thuijnen verre en landen in eijgendom te besitten en deselve van sijn hoogheijdt niet ter leen of in erfpagt hebben; Nog gaf den heer Gouver„ neur van het Leprohn hias der Chirur„ gijn van Luijk ren, en weder daar in te stellen den Chirurgijn Jan van leeuwen Dingsdag den 2:' october A:o 170. heogt gedrag van den binnen regent, neur de vergadering te kennen, dat de buijten regenten, van het Leprosen„ „huijs aan sijn Edele hadden rapport gedaan, wegens het aanhoudend slegt Gedrag van den presenten binnen Regent, den Chirurgijn Jacobus van Luijck, als sig niet ontsiende de arme en ellendige Leproosen door scheldwoorden, slaan als ander„ „sints qualijk te behandelen; het welk niet langer konde werden getolereert: zo is, op de propositie besluijt denselven daar uijt te dimone van zijn Edele goedgevonden, en ver„ „staan gem: van Luijk, uijt des„ „selfs bediening als binnen regent te dimoveeren, en in desselfs plaats aantestellen den te Cranganoor be„ „scheijden chirurgijn Johannes van Leeuwen, in wiens plaats van hier den derde Chirurgijn Jan Gunther na gem:e fortretse staat gesonden te werden. zijn
English
59 Tuesday the 2nd October A:o 1770. Scarcity of cash in the main treasury of Rop:s 16000: in fanums, counted into the treasury by the orphan masters and deacons long ago His Honour, continuing the proceedings, was pleased to say further that, through the lack of the requested relief in cash from Souratta, and the disbursement of Ropias 100000:— to the King of Toevancoor, in deduction of the delivered pepper, the stock in the main Cash Treasury had become so scarce that, to pay the daily expenses, one would have to make use of a sum of Ropias 16000: in fanums, which the orphan masters and deacons had counted into the Company's Treasury long ago; but that His Honour found it improper to have this expenditure made to the detriment of the lower-ranking servants, who would have to suffer a notorious and noticeable loss if they were obliged, instead of Ropijen in specie, to receive 20. fanums per Ropij, against 22. fanums the ropij Tuesday the 2nd October A:o 1770. And that, to prevent this, and to let those Two Colleges bear the loss themselves, it would be best to have them asked whether they will exchange that amount into Ropijen themselves, or else agree that the same be disbursed on behalf of the Company at the current rate of 22. fanums per Ropij, and the difference charged to their account as a debit. The Council having considered this proposal, and having taken into account that of the deacons only Ropias 800: = in fanums remains running at the Treasury, while the remaining Ropias 15200:-. belongs to the orphan masters, and that the president of that college stante pede declared he saw no prospect of having this amount quickly exchanged for Ropijen: it was resolved 61 the 2nd October 1770. Tuesday written off to the debit of the orphan chamber Receipt of a missive from Cananoor to have their Rop: 800: in fanums returned to the deacons, with and under the amount that is otherwise due to them in Ropijen from the annual lease, but to have the remaining Ropias 15200: - in fan:s paid out by the Cashier and accounted for at Ropias 13818 1/3. in specie, as well as to authorise the trade bookkeeper to write off the difference of Ropias 1381. 2/3. to the debit of the orphan chamber. On the 26th of the past month of September, having been received here a letter from the servants at Cananoor dated the 19th prior, whereby they among other things request: 1./ That the remitted bill of exchange amounting to Ropias 1072:- may be paid to its holder, 2./ That they may be permitted to write off evaporated gunpowder Approval of the purchase of paper and writing off of the weapons as well as for cash and necessities, as well as that ensign Claasten and Surgeon Voogt may be granted their relief Tuesday the 2nd October A:o 1770. 123. lb: of gunpowder, which according to the forwarded sworn statement, out of a quantity of 3063. –. lb:, were lost to evaporation during airing and drying; 3./ That the purchase of a ream of large format and a ream of small format paper, as well as 266. 3/4. jugs of coconut oil, may be approved. 4./ That authorization may be granted to them for the writing off of a musket with its bayonet, 1. sword, cartridge pouch, and sword knot, which the deserted soldier Louis Genniet of Versailles took with him. That their annual requisition of necessities, as well as cash, in quantity and quality, may be fulfilled; That to the ensign Claessen stationed there, and assistant surgeon Voogt, their relief be granted, 63 Tuesday the 2nd October 1770. and the garrison may be reinforced, and the cash counted by Adij Ragia and another competent smith sent in place of Barend Warner stationed there, and the Cananoor garrison may be reinforced with 12. European soldiers. It was, after consideration of what was necessary, approved and agreed to have the drawn bill of exchange paid to the holder, and to write to the servants that one will not fail to fulfill their further requisition of cash and necessities, but since this cannot be done for lack of a suitable vessel, the Moorish Regent Adij Ragia will be requested by the Governor to assist them with some cash in case of need, for which reason they can then simply address themselves to him, in case they the servants cannot otherwise manage; Tuesday the 2nd October A:o 1770. and the officer Claassen and Surgeon Voogt together with some soldiers to be relieved from there the 123. lb: of lost powder to be written off the purchase of oil approved, but that of paper declined item to reinforce the garrison furthermore that the request of ensign Claassen and assistant surgeon Voogt, as well as of the soldiers who requested their relief from there, has been granted, and that they accordingly may come hither when others are sent in their place, for which use will be made of the first opportunity, and that one will then also attempt to reinforce the Cannanoor garrison with some men; Item, that one authorises the servants to write off in their books 123. lb. of gunpowder, which during the airing and drying of the aforesaid quantity evaporated and were found short, as well as that one approves the made purchase of lamp oil, but the purchase of paper for
Dutch transcription
59 Dingsdag den 2. ' october A:o 1770. schoorshuit van Contanten in de groote geld Casser van rop:s 16000: aanfanums, door ge in Casta getelt zijn Edele de besoigne ver„ „volgende, geliefde verder te seggen, dat mits ontstentenisse, van het g'Eijschte secours van contanten van Souratta, en de afgave van Ropias 100'000:— Aan den koning van Toevancoor, in mindering van de geleverde peper, de voorraad in de groote Geld Cassa soo schaars geworden was, dat men tot het doen der men moet vaarom gebuijken maken daagelijkse ongelden, gebruijk zoude weesmesteren en diaconen voor lan moeten maaken, van een Somma van Ropias 16000:, aan fanums; die weesmeesteren en diaconen al over lange in 'sCompagnies Cassa hadden geteld; dog dat zijn Edele het oneijgen vond, deese uijtgaave te laaten doen, tot nadeel van de mindere bediendens, dewelke een notoir en merkelijke verlies moesten lijden, als zij verpligt wierden, in steede van Ropij„ „en in specie 20. fanums per Ropij te worden tegens 22: Janunx de ropij Dingsdag den 2. ' october A:o 174. te ontvangen. En dat, om dit voor„ „tekoomen, en die Twee Collegien selfs de schaade te doen draagen, het best soude weesen, hen te laa„ „ten afvraagen, of zij zelfs dat montant in Ropijen verwisselen, dezelve zullenaan ropis verwisket dan wel toestaan willen, dat het zelve tegens de presente Cours van 22. fanums per Ropij 'sComp=s weegen uijtgegeven en het verschil te ten nadeele, hunne reekening ten lasten gebragt werde. de Raad dit voorstel overwogen, en in aanmer„ „king genomen hebbende, dat van de diaconen nog maar Ropias 800: = Aan fanums bij de Cassa voortloopen, ter„ „wijl de overige Ropias 15200:-. aan weesmeesteren behooren, en dat de president van dat collegie stante pese verklaarde geene kans te zien, dit bedraagen spoedig tegens Ropijen te doen verwisselen: zo wierd geresol„ veert ontvan 61 den 2.:' October 1770. Dingsdag ten lasten van de weerkamer afges chee= vne werden ontrangst van een Connanarx missive „veert, aan de diaconen hunne rop„ 800: aan fanums, te rug te laaten geeven, met en onder het montant, dat hen anders in Ropijen uijt de Jaarlijkse verpagting Competeerdt, dog de overige Ropias 15200: - Aan fan:s, door den Cassier uijtgeeven en tegens Ropias 13818 1/3. in specie verantwoorden te laaten, mitsgaders den negotie diat nodal ofverschil van r /a 138:1/3. 2 b oekhouder te qualificeeren, om het verschil van Ropias 1381. 2/3. ten lasten van de weeskamer afteschrijven. op den 26' der gepasseerde maand-september, alhier ontfangen sijnde een brief van de bediendens te Cananoor gedateert 19. bevoorens, waar bij deselve onder meerder versoek doen; 1./ Dat de overgesondene wissel Groot Ropias 1072:-, aan dies houder mag werden voldaan, 2/ Dat hun mag werden gepermitteert af vlogen kruijs approbatie van den inkoop van papier en afschrijving van dewapenen mitsgaders om Contanten en benodigt heeden mitsgaders dat aan den vaandrig Claas„ ten en Chirurgijn voogt hun verlossing mag werden g'accordeert Dingsdag den 2.:' October A:o 1770. versoeken afscriving van 123. lb: ma afteschrijven 123. lb: buspoeder, die volgens overgesondene b'eedigde ver„ „klaaring, op een quantiteijt van 3063. –. lb: , bij het lugten en droogen ver„ „vloogen zijn; 3Dat den Jnkoop van een Riem Groot formaat en een Riem kleen formaat papier, zoo meede van 266. ¾. kannen kokus olij mag werden g'approbeert. 4. / Dat hun qualificatiemag werden verleend, ter afschrijving van een snaphaan met zijn Bajonet, 1. deegen, pattroontas en portepee, die den gede„ „serteerden soldaat Louis Genniet van versailjes, meede genomen heeft. Dat hun Jaarlijksen Eijsch van benoodigtheeden, zoo wel als Contanten, in quant en qualiteijt, mag werden voldaan; Dat aan den aldaar bescheijden vaandrig Claessen, en onderchirurgijn voogt hunne verlossing g'accordeert, en en den besluijt te vold Ragi 63 Dingsdag den 2:' october 1770. en hingqued sen verstrkt magn woer„ den blovetren en de Contanten doer Aij Ragia telaten tellen en een ander bequaam smith in steede van den aldaar bescheijdenen Barend warner gesonden, en het Cananoors Guarnisoen met 12. Europee„ „se soldaaten versterkt werden mag Zoo is na overweeging van het noodige Goedgevonden en ver„ „staan, De Getrokkene Wissel aan den houder te laaten betaalen, ende desuijt hin isch van Contanten en zr bediendens aanteschrijven, dat men niet nalaaten zal, kunnen verderen eijsch van Contanten en benoodigthee„ „den te voldoen, dog vermits zulks bij gebrek van een bequaam vaar„ „tuijg niet kan geschieden, den moors Regent Adij Ragia door den heer gouverneur zal werden versogt, om hen in Cas van benoodigtheijdt met eenige Contanten te assisteeren, en waarom zij zig, dan maar aan denselven kunnen addresseeren, inge„ „valle zij bediendens anders niet te Dingsdag den 2.:' october A:o 1770. voogt mitsgaders eenige militairen van daar te verlossen de 123. lb: vervlagen kruijt te laten afschrijven den inkoop van olij g'approbeert dog dien van paspier ontsigt en den officier Claassen en Chirurgijn te regt raaken kunnen; voorts dat men het versoek van den vaandrig Claassen en onderchirurgijn voogt, mitsgaders van de militairen, die van daar hunne verlossing hebben versogt, heeft g'accordeert, en dat de„ „selve dienvolgende herwaarts kunnen komen, wanneer men andere in hun plaats zal zenden, waar toe van de eerste occasie gebruijk item het guarnisoen twersterken zal werden gemaakt, en dat men dan ook tragten zal, het Cannanoor guarnisoen met eenige manschappen te versterken; Jtem, dat men de bediendens qualificeert, 123. lb. bus„ „kruijt, die bij het lugten en droogen van voorschreeven Quantiteijt, ver„ vloogen en te kort bevonden zijn, bij hunne boekjes afteschrijven, zoo meede, dat men den gedaanen inkoop van lampolie approbeert, dog den inkoop van papier voor
English
Tuesday, 2 October 1770. deemed necessary, therefore the smith having been discharged to this place. The weapons taken along by the deserter Gennet shall be charged to his account. left to their account, since so many writing materials were sent to Cananoor that it was quite sufficient to manage with them for a year. But with regard to their request for another smith in place of the one who was discharged, to further write to the servants to discontinue the blacksmith shop there entirely, rather than maintaining it, as it is considered that the little required for the household there can easily be made in the Moorish bazaar, so that the smith and the tools can be sent here at an opportune time. And finally, that the weapons taken along by the deserted soldier Louis Gennet will have to be charged to his account, which may then also serve for their information for the future in similar cases. The surgeon at Coilan, Bernardus Regter, requests a pension; insertion of his petition. Tuesday, 2 October 1770. The servants at Coilan having sent here, among the enclosures of their letter of 29 September last, a petition from the surgeon stationed there, Bernardus Regter, addressed to the Chief Rosier, wherein he indicates that, having languished for many years with severe illnesses, he is now entirely incapable of properly performing his duties, with the request to be granted emeritus status while retaining full pay, and to be permitted to enjoy his pension at Coilan, as appears below. To the Right Honorable Mr. Rosier, Junior Merchant and Chief of Southern Mallabaar. Right Honorable Sir! Bernardus Regter of Middelburg, surgeon of this fortress, your Honor's humble servant, makes known with all humility concerning his illness: that he has now been languishing for 15 years with dysentery, and during the time of about seven years stationed at Coilan has been healthy for only a short time, and for a year now has become entirely incapacitated due to the severe illnesses that currently befall me daily, being so emaciated that I can barely walk. And since I am here alone, and through my continuous illnesses lie helpless, and the Company's servants must not, due to my indisposition, fail to be helped in their illnesses, as I am no longer able to attend to my duties, I therefore very humbly request your Honor to write on the Company's behalf to the Right Honorable, Highly Esteemed Lord Governor and Director of this Coast, to please send another master in my place. And while I, on account of my weakness, am unable to come up to Cochim, it is my very humble prayer and supplication to the said Right Honorable, Highly Esteemed Lord, that he may be pleased to favor me with a favorable pension of full pay to be retained, and to be allowed to remain at Coelan and enjoy it there monthly: for which benefaction the petitioner will remain grateful to the Right Honorable, Highly Esteemed Lord for the rest of his life, awaiting hereupon a favorable apostil from the Right Honorable, Highly Esteemed Lord. Which doing, was signed: B: Regter. In the margin: Coilan, 29 September Anno 1770. Thus, in consideration of the petitioner's sickly condition, which leaves little hope for recovery, his long years of service, and good conduct, it is approved and decided, subject to the approval of Their Right Excellencies, to pension him at 14 guilders according to the regulations, and to permit him to enjoy his retirement pension at Coilan, and to have his position filled by another surgeon from here. Findings of surpluses and deficits in weight discovered at the outer offices, entered in the margin. Insertion of the findings. 2 October 1770. A report having been received regarding surpluses and deficits in weight, discovered upon the delivery of pepper and paddy from the Conquest, Paponettij, and Cranganoor in the financial year 1769/70; as well as a memorandum of 11,710 lb of pepper, which the Porcase Resident Goussain, upon receipt and shipment between 1 September 1769 and mid-May 1770, on account of permitted write-offs, had left over and delivered to the Honorable Company: it is, after resumption of those papers, approved and decided to grant such disposition thereon as is stated in the margin. To the Right Honorable, Highly Esteemed Mr. Christiaan Lodewijk Senff, Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Wingurla, together with the Honorable Political Council. Right Honorable, Highly Esteemed, Commanding Sir and Sirs. The undersigned Head Administrator has the honor herewith to report to your Right Honorable Excellencies: that in the financial year just past, 1769/70, on the undermentioned parcels of pepper and paddy, upon delivery from the subordinate offices, the following surpluses and deficits in weight were discovered; upon which he requests your Right Honorable Excellencies' esteemed approval; namely: Tuesday, 2 October Anno 1770. Resolutory dispositions on the adjacent report, placed in the margin and taken in the Council of Mallabaar.
Dutch transcription
65 Dingsdag Den 2:' October A:o 1770. noodig g'oordeelt, daarom den smith na herwaarts verlost de meede genomene wapens door den deserteer gennet zullen, op desselfs reek: belast werden voor hun reekening laat, vermits soo veel schrijfgereetschappen na Cananoor gesonden zijn, dat het daar meede, voor een Jaar wel te stellen is geweest; Dog ten aansien van derselver versoek, om een andere Smith, in steede van de Geene die verlost is, de bediendens verder aanteschrijven, om de smits winkel resinits winkel word aldaar niet aldaar, maar in 't geheel intetrecken, alsoo men oordeelt, dat het weijnige dat in de huijshouding aldaar werd verEijscht, wel op de moorsche baszaar kan werden gemaakt, invoegen den smith en de gereedschappen bij gelegentheijd dit heen kunnen ge„ „sonden werden; En Eijndelijk dat de mede genomene wapenen, door den gedeserteerden soldaat Louis Gennet, op desselfs reekening sal moeten werden gesteld, het welk dan ook kan strekken tot derselver narigt voor 1 den Chirurgijn te Coilan Bernardus Regter versoeke om gagement insertie van desselfs versoek schrift Dingsdag Den 2:' october 1770. voor 't vervolg in gelijk standige gevallen; De Coilanse bediendens onder de bijlaagen van hun briev van den 29 september passato herwaarts gesonden hebbende een Request van den aldaar bescheijden Chirurgijn Ber„ „nardus Regter, aan het opperhoofd Rosier gerigt, waar bij denselven te kennen geeft, dat hij al veele Jaaren aan swaare ziektens gegwijnt hebbende, thans ten eenemaal buijten staat is, om sijn dienst nabehooren te kunnen waarnemen met versoek, om behoudens volle gagie, te mogen werden emeritus gesteld, en desselfs gagiement op Coilan te mogen genieten, zoo als hier onder blijkt. Aan den wel Edele Heer Rosier Dean onder ite do Den 2. ' October 1770. Dingsdag onderkoopman en opperhoofd van zuijder mallabaar. Wel Edele Heer! Bernardus Regter van middelburg, Chirurgijn ter deeser fortresse, uw Edele ootmoedige dienaar, geeft met alle ootmoe„ „digheijd te kennen, aangaande zijn ziekte thans 15. Jaaren lang quijnende geweest, met den grauwen loop, en in den tijd van omtrend seven Jaaren op Coilan bescheijden zijn, wijnig tijd gesond, en nu een Jaar herwaarts ten Eenemaal buij„ „ten staat geraakt zijn, door de swaare ziektens die wij thans dagelijks overkomen, zodanig uijt„ „geteerd dat ik qualijk kan voortgaan, en dewijl ik alhier alleenig ben, en door mijn Con 67 Dingsdag den 2. ' october A:o 1770. Continueele ziektens Jmpotent leg„ en 'sCompagnies dienaaren door mijn Jndispositie, niet moeten ingebreeken blijven, vmn van haare ziektens geholpen te worden, alsoo ik niet langer in staat ben, om mijn dienst te kunnen waarneemen, derhalven uw Edele zeer ootmoedig versoeke, 'sComp=s weegen aan den wel Edele Groot Achtbaaren heer Gouverneur, en directeur deeser kuste te schrijven, om een ander meester in mijn plaats te mogen zenden„ en terwijl ik om mijn swakheijds wille niet in staat ben, om na Cochim op te kunnen komen: zoo is het mijn zeer ootmoedige beede, en smeeke, aan den wel Edele Groot Achtbaaren Heer wel gemeld, mij gelieven te begunstigen, met een favorabel Gagiement van volle gagie te mogen behouden, en op Coelan te 69 Dingsdag Den 2. ' October 1770. om ant se4 agpgpeert te mogen blijven, en 's maandelijks daar te mogen genieten: voor wel„ „ker weldaat, den suppliant zijn. Den wel Edele Groot levenlang, Achtbaaren heer dankbaar blijven zal, verwagtende, hier op van den wel Edele Groot Achtbaaren heer een Gunstig en favorabel apos„ „til /:onderstond:/ T: welk doende, /was getekend/ B: Regter, /in margine:/ Coilan den 29. sep„ „tember Anno 1770. zo is:, uijt aanmerking van des suppliants ziekelijken staat, die weijnig hoope tot beeterschap overlaat, desselfs langjaarige diensten en goed„ Comportement, goedgevonden en ver„ „staan, denselven op approbatie van Haar Hoog Edelens te gagieeren met ƒ14. —. , na de ordre, mitsgaders aan denselven te permitteeren, om te Coilan desselfs Rustgagie temogen genieten werden bevinding van overen minarig ten ap de buijten Comptoiren onterard in margine gestelt de insertie van de bevinding Den 2. ' october 1770. ze door en andr van hier wonygen genieten, en desselfs plaats wederom door een ander chirurgijn van hier te laaten vervullen. Jngekomen zijnde, Een berigt wegens over en onderwigten, bij aan„ „breng van Peper en Nelij, uijt het Conquest paponettij en Cranga„ „noor, in 't boekjaar 17 29/90. ontwaard; soo meede, een memorie van 11710: lb: peper, die den porcase Resident Goussain bij ontvangst en afscheep sedert primo Zeptember 1769. , tot medio maij 1770:, wegens gepermitteerde afschrijving, over behouden en aan d' EComp: overgelevert heeft, zo is na resumptie van die papieren, daarop wesen dispositie verleenden Goedgevonden en verstaan, daar op sodanige dispositie te verleenen, als in margine vermeldt staat. Aan den Wel Edele Agtbr: Heer Christiaan Lodewijk Senff Dingsdag Gouverneur 71 Dingsdag Den 2:' october 1770. Gouverneur en directeur dier Custe mallabaar Canara en Wingurla benevens den E: Politiquen Raad. Wel Edele Achtbaare, Welgebiedende Heer en Heeren. Den ondergetekende hoofd„ administrateur heeft d' Eere uwel Edele Achtbaare, bij deesen van berigt te dienen: als, dat in het Jongst afgeloo„ 69 „pen boekjaar, 17 29/70. , op de natemeldene Partijen Peper en nelij, bij aanbreng van de subalterne Comptoiren, de volgende over en onderwigten ondekt zijn; waar op hij uwel Edele Achtbaares g'Eerde goed„ „vinding is versoekende; teweeten: Dingsdag den 2=den October Anno 1770. Resolutoire Dispositien op het Nevenstaende berigt in margine gesteldt en geno„ „men in Raede van Mallabaar op op
English
Tuesday the 2nd of October Anno 1770. On the delivery of pepper: By the quartermaster Hendrik Mulder, received at Cranganoor as per report of the 20th of November past: lb 22000. By the same, as per report of the 30th of November past: lb 13256. Total: lb 35256. And delivered here by the same on the first parcel: lb 22003. And on the second parcel only: lb 13166. Total: lb 35169. Short: 87 lb. Percent: 1/4. And the general regulation of intake and deduction dictates here one percent, or 352 1/2 lb; therefore, after deducting 87 lb, the said quartermaster should be reimbursed the amount of 265 1/2 lb. Marginal disposition: The adjacent report having been reviewed, it is understood to allow the deduction of what may be written off according to the regulation, but to pay the surplus delivered to the deliverers in cash, as is customary; however, on the other hand, to have the 27 lb of pepper delivered short by the quartermaster Tjakke Hendriksz made good by him in cash. By the quartermaster Tjakke Hendriksz, received at Cranganoor according to report of the 20th of February of this year: lb 40000. And delivered here by the same only: lb 39573. Short: 427 lb. Percent: 1 1/16. The general deduction is, as stated, 1 percent or 400 lb; thus, 27 lb must be reimbursed by the said quartermaster. 73 Tuesday the 2nd of October Anno 1770. By the quartermaster Hendrik Eijgenbrink, received at Cranganoor and Paponettij, namely: From Cranganoor as per report of the 21st of May last: lb 19850. From Paponettij as per report of the 18th of January last: 9700. From Paponettij according to report of the 26th of March 1770: lb 4325. Total: lb 33875. And delivered here by him on the first parcel: lb 19681. And on the second parcel: lb 9649. And on the last ditto: lb 4337. Total: 33667. Short: 208 lb. Percent: 1/4. The permitted deduction, as stated above, is one percent or 338 3/4 lb; thus, after deducting 208 lb of his shortage, the cost of 130 3/4 lb should be reimbursed. Marginal signature: Thus done, disposed, and entered in the margin, on the day, month, and year aforesaid. (Signed) C. S. Serff, J. H. Medelea, R. v. Haan, S. C. Saffin, G. L. v. Spall, A. R. Schutz, and C. G. Seijffer. Tuesday the 2nd of October Anno 1770. By the quartermaster Joost de Backer, received at Cranganoor as per report of the 5th of July 1770: lb 30988. Item at Paponettij: lb 2500. Item at Chettua as per ditto report: lb 330. Total: 33818. And delivered here by the same on the first two parcels: lb 33153. And delivered on the third parcel: lb 327. Total: lb 33480. Short: 338 lb. Percent: 1. Consequently nothing over or short. By the sailor Manus Brat, received at Paponettij as per report of the 18th of January 1770: lb 3509. Item as above, as per report of the 20th of February 1770: lb 12800. Total: lb 16309. And delivered here by the same on the first parcel: lb 3533. And on the second parcel: lb 12699. Total: lb 16232. Short: 77 lb. Percent: 1/2. The permitted deduction is at 1 percent, or 163 lb; thus, after deducting 77 lb of his shortage, 86 lb should still be reimbursed to him. By the freeman Anthonij Quast, received at Paponettij 75 Tuesday the 2nd of October Anno 1770. as per report of the 21st of May 1770: lb 2875. And delivered on this parcel: lb 2873. Short: 2 lb. Percent: 1/16. The permitted deduction calculated at 1 percent is 28 3/4 lb; thus, after deducting 2 lb of his lesser delivery, 26 3/4 lb is still due to him. By the boatswain Jan Smith, received at Cannanoor and delivered here as per report of the 4th of May 1770: lb 5916. The permitted deduction at 1 percent is 59 lb, the cost of which should be reimbursed to him. On the delivery of Paddy: By various persons per manchuas, brought here from Paponettij as per report of the 23rd of April of the current year: parras 29758. And delivered here by the same: parras 29312. Short: 446 parras. Percent: 1 1/2. Being the permitted deduction at 1 1/2 percent, 446 parras. Upon all of which the undersigned awaits the esteemed order of Your Honorable Nobilities; while professing to be with all respect, (Below stood) Honorable Noble, commanding Lord and Lords. (Lower) Your Honorable Nobilities' humble and faithful servant, (Signed) D. Kellij (In the margin:) Cochin, the last of August 1770. Tuesday the 2nd of October Anno 1770. Resolutory dispositions entered in the margin of the adjacent memorandum, and adopted in the Council of Cochin. Memorandum of the permitted percentages on the contract pepper received and shipped at the Residency of Porca, from the 1st of September 1769 to mid-May 1770, when the warehouses were known to have become empty: Received: Last of August 1769, by balance... From the last of March to mid-May, delivered: 567458. Total: lb 780684. To be carried forward. Marginal disposition: The adjacent memorandum having likewise been reviewed and found to agree with the regulation, it is also resolved [illegible]
Dutch transcription
Dingsdag den 2. ' october A:o 1770. op den Aanbreng van Peper Door den quaer„ tiermeester hen„ Het nevenstaan„ „drik Mulder te Cranganoor ont„ „de berigt geresu„ „fangen vide Rap„ „meert sijnde, is ver„ „port van den 20. November passato ld: 22000. –. „staan het geen door den selven blij„ volgens het reg„ „kens Rapport kan den 30. November „lement mag wer„ passato. - - - - - „ 13256. -. den afgeschree„ ld: 35256. -. En is alhier door „ven, te laaten denselven uijtge„ „levert op de Eerste afschrijven, dog parthij. . . . . . lb: 22003. –. het meerder En op de tweede parthij maar - - - - - - „ 13166. –. „ 35169. geleverde, aan En 't generaal regle„ „ment van in en de aanbrengers, afschrijving dicteert in contant te hier op een perc=to of 352½. lb. dies dient voldoen, zoo als na aftrek van 87. lb: het gebruijkelijk aan gem: quaertier„ is, dog daar en „meester het bedragen van 265½. lb: ver„ tegen, de door goed tewerden. den quaertiermee door den quaertier„ meester t sacke „ter 'Tjakke Hen„ hendriks te Cran„ „driksz: te min ganoor ontvangen volgens rapport van geleverde 27. lb. den 20. februarij de„ ses Jaars. . . . . peper, door den „ En is alhier, door denselven, selven in Contant maar uijtgeleverd. . . . . . . „ 39573. . . . . . 427. lb. 40000: - - -- 87. -. —. ¼. over. te kort pr C=to 1. 1/16. te de 73 Dingsdag den 2. ' october A:o 1770. goeden schrijving is als gesegt 1 perc=to of 400: lb. dus door gem: quaertiermees„ „ter moet werden vergoed 27. lb: Door den quaertier„ „meester hendrik Eijgenbrink, te Cranganoor en paponettij ont„ „fangen, als van Cranganoor vide Rapport van den 21. maij J:o leden lb: 19'850. -. van paponettij vide Rapport van den 18. Jannuarij J:o leeden 9700. —. van paponettij vol„ „gens Rapport van den 26. maart 1710. „ 4325. — lb: 33875. —. En is alhier door hem uijtgelevert op de eerste parthij d: 19681. -. En op de tweede parttij „ 9649. –. En op de laatste d:o „ 4337—: 33667. - . . . . . 208. — —¼ C=s de gepermitteerde afschrijving als vo„ „ren gesegt, is een percento of 338¾. -. lb:, dus na aftrek van 208: lb: van sijn tekort koming, het kostende van 130¾: lb. dient ver„ „goed tewerden. te laaten ver de generaele af„ Aldus ge„ daan, gedis„ „poneert en in margine gesteld, ten daege maand en Jaere voorm: /was getekend/ C. S. Serff, J. H. Medelea R. v: Haan S. C. Saffin G. L. v. Spall A. R. Schutz . . . . en C. G: Seijffer. over tekort pr C=to door Dingsdag den 2:' october anno 1770. Door den quaertiermees„ „ter heere Joost de Backer te franganoor ontfangen, vide Rap„ „port van den 5. Julij . . . - . lb: 30988. -. 1770. jtem te Paponettij - . . „ 2500. —. Jtem je Chettua vide dito Rapport - - - - - - „ 330. — 33818. -. En alhier is door den„ „selven uijtgeleverd. op de Eerste twee par„ tijen. . . . . . . . . . lb: 33153. -. En op de derde partij uijt„ „geleverd. . - - - - -. „ 327. –.„ 33'480. -. . . . . . 338. gevolgelijk niets over of tekort. door den mattroos Ma„ nus Brat, je Papo„ „nettij ontvangen vide Rapport van den 18:e Januarij 1770. . . . . lb: 3509. –. Jtem van als even, vide Rapport van den 20. februarij 1770. . . . . „12800. —. lb 16309. —. En alhier door denselven uijtgeleverd op de Eerste parthij - - - - ld: 3533. —. En op de tweede partij „12699. —„16232. -. de gepermitteerde afschrijving is, â 1. p:r cents of 1/163. lb: dus na aftrek van 77. lb: zijner tekort koming, hem nog zoude die„ nen te werden ver„ „goed 86: lb: Door den vrijman Anthonij Quast, te paponettij ont„ 77. —. —½. over tekort prC=to fangen 1. —. . . . 75 Dingsdag den 2. ' october A:o 1770. „vangen vide rap„ „poat van den 21:e maij 1770. lb: 2875. -. En heeft op deese parthij uijtgeleverd. „ 2873. —. de gepermitteerde afschrijving gere„ „kent â 1. prC=to is, 28¾. lb. dus na aftrek van 2. ld: zij„ „ner minder uijtge„ „levert, en hem nog Competeert 26¾ door den bootsman Jan Smith te Cen annanoor ontfan„ „gen en alhier uijt„ „gelevert vide Rhap„ „port van den 4=e de gepermitteerde afschrijving is à 1. perC=to 59. lb: wel„ „ker kostende hem dient vergoed te wer„ „den. maij 1770: elb - - - - 5916. –: - - —. —. —. —. —. —. —. Op den Aanbreng van Nelij door differente persoonen per mansjouws, van paponettij alhier aan„ „gebragt vide Rapport van den 23. April an„ „nostantij. . . parr: 29758. —. En door deselve al„ „hier uijtgeleverd. . „ 29312. -. . . . . . . . . . . 446. —. zijnde de geper„ „mitteerde afschrij„ ving á 1½. p=r C=to 44p. parras. op welk een en onder den ondergetekende uwel Edele Agtbaare g'Eerde dispositie 1½: over tekort prC=to 2. —. — 1/16. r=m is de nevenstaande me„ Dingsdag den 2. October Ao 1770. is verwagtende; Terwijl zig, met alle Eerbied noemd te zijn. /onderstond/ wel Edele Agtbaaren welgebiedende Heer en Hleeren. /lager / uwel Edele Agtbaares, onderdanige en Trouwschuldige dienaar /:was getekend/ D: Kellij /in margine:/ Cochim ultimo Aug:o 1770. Memorie van de Gepermitteerde Percentos op de Contract peper die ter Residentie Porca ontfangen en afgescheept is, 't seedert P=mo September 1769. , tot medio maij 1770. , wanneer de Pakhuijsen sijn leedig geraakt geweeten: ontfangen ultimo augustus 1769. per Restant... 18 26 van ultimo maart tot medio maij aangebragt - „ 567458. — l: 780684. —. -. Die Transporteere. „morie, insgelijks geresumeert en met het Reglement accor„ „deerende bevonden zijnde, is almeede ver op Dingsdag den 2:e October Anno 1770. Resolutoire dispositien, op de nevenstaande memorie in mar„ „gine gesteld, en genomen in Raede van Cochim. G vera Nenael 1 passato
English
77 Lease of the tithes at Paponettij. How much more the same has yielded now than anno passato. pepper, to be written off to profit and loss, and against this to have paid to the Resident there out of the treasury at f 24. —. Netherlands per 100 lb, the 11302 lb that he kept over and delivered to the Honorable Company, as well as to have this quantity entered again to the debit of the said warehouse. Thus done, disposed, and set in the margin, on the day, month, and year aforesaid, /signed/ C. L. Senff . . . . . . J. H. Medeler, G. L. v. Spall, A. R. Schutz, understood the 11710 lb, and C. G. Seijffer. Furthermore, in this meeting was read the report of the special commissioners R. v. Haak and S. C. Saffian, who pursuant to the resolution of 15 August last held the leasing of the tithes of gardens and lands in the conquest of Paponettij, and from which it is noted herein: that this lease has yielded 13815 Cranganore parras of paddy and 15000 Cochin fanams, and thus in this year 4251 3/8 parras Shipped. 1769. 29 December per Ruijteveld. . . lb 212818. –. 11 May 1770 per the aforesaid vessel 567458:— 780276:– Thus shipped less than received. . . . . . lb: 408. —. The permitted 1½ percent on the receipts amounts to - - - - 11710.— Consequently due to the undersigned Resident lb 11302. –. Paca, this last day of August 1770. /signed/ A. Toussain /in the margin/ stood: seen /signed:/ D. T. Kelly. Carried forward. . . . . - lb 780684. –. Tuesday the 2nd of October 1770. 78. Insertion of the report. Tuesday the 2nd of October Anno 1770. and 2666 2/3 fanams more than in anno passato, as can be seen more extensively below. To the Right Honorable Lord Christiaan Lodewijk Senff, Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Wingurla. Right Honorable, Ruling Lord. In compliance with the highly esteemed order of your Right Honorable, we proceeded to Paponettij and there on the 23rd of this month leased the rights of the tithes, both of the private gardens and arable lands found in the Company's conquest of Paponettij, for the period of one full year, calculated from the first 79 Tuesday the 2nd of October Anno 1770. first of September 1770 until the last of August 1771, and which have yielded, namely: The tithe of the arable lands 13815 Cranganore parras of paddy, and that of the gardens 15000 Cochin fanams; consequently 4251 7/8 Cranganore parras of paddy and 2666 2/3 Cochin fanams more than the previous lease, calculated in proportion to the time of this and the previous lease, which former lease was for 18 months, but this one for only one year; appearing further from the returns annexed hereto, whereto we refer ourselves, hoping to have fulfilled the esteemed intention of your Right Honorable, calling ourselves otherwise with the most complete respect /below stood:/ Right Honorable, Ruling Lord. /lower:/ Your Right Honorable's humble and obedient servants /signed/ Desertion of two soldiers. Receipt of a missive from the fatherland along with an order for cardamom. Regarding the procurement, Adij Ragia will be written to. Tuesday the 2nd of October Anno 1770. signed/ G. H. Medeler and S. C. Saffian /in the margin/ Paponettij the 25th of August Anno 1770. Finally, it is also noted herein: That in the past night two European soldiers, namely Herman Hendrik Rosenmeijer of Petershousen and Hendrik Muller of Dasvelt, climbed over the town wall and deserted with their full weapons; also: that on the 5th of the past month of September, via the Tutucorin overland route from Colombo, a missive from the fatherland dated 25 October 1769 was received, with the usual extracts, and among them also an order for 20000 lb of cardamom at the fixed price of 40 stuivers the pound, regarding the fulfillment of which the Lord Governor has undertaken to write directly to the Moorish Regent Adij Ragia. 81 Deliver a placard to the King of Cochin. write. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Mallabaar, in the city of Cochin, on the day, month, and year aforesaid, /signed:/ C. L. Senff . . . . . . G. H. Medeler, R. v. Haak, S. C. Saffian, J. L. van Spall, A. R. Schutz, and C. G. Seijffer. — Tuesday the 2nd of October Anno 1770. Thursday the 4th of October Anno 1770, in the morning at half past seven, excluding the Second, Mr. Kelly, due to indisposition. The members having appeared at the appointed hour at the residence of the Lord Governor and subsequently taken their seats, His Honor was pleased to say that the Secretary Schutz and Chief Interpreter van Jongeren, pursuant His Highness has not accepted the same, but gave an ola along to them. Insertion thereof. Thursday the 4th of October Anno 1770. pursuant to the resolution of the second current, had been with the King of Cochin at Tripontarre yesterday, and had delivered the placard into His Highness's hands, but that they had returned with it again, and had also brought along from His Highness an ola of this content: Translation of the ola, written by the King of Cochin to the Right Honorable Lord Governor and Director, Christiaan Lodewijk Senff, received the 3rd of October Anno 1770. The secretary and the interpreter have been to Tripontarre and have made known to us what your Right Honorable
Dutch transcription
77 verpagting der thiende te Paponettij hoe veel meerder deselve thans dan anno passato heeft afgeworpen peper, op winst en verlies te laaten af„ „schrijven, en daar en tegen aan den Resi„ „dent aldaar uijt Cassa â ƒ 24. —. neder„ lands de 100. lb. te laaten voldoen, de 11302. lb: die deselve overbehouden en aan d' ECompagnie gelevert heeft, mitsgaders deese quantiteijt, ten lasten van gem: Corl wederom te laaten Jnneemen. Aldus Gedaan, gedis„ „poneert en in margine gestelt, ten daege, maend en Jaere voorm:, /was getekend/ C. L. Seuff . . . . . . J. H. Medeler, G. L. v. Spall, A: R: schutz: verstaan de 11710. lb. en C: G: seijffer. Nog is in deese bij eenkomst geleesen, het Rapport van Expresse R: v: Haan, s. C: saffian, gecommitteerdens, die volgens besluijt van den 15:e augustus Jongst leeden, de verpagting der thiendens van Thuijnen en landerijen, in 't conquest paponettij hebben gehouden, en waar uijt in deesen leenelijk aangetekend werd: dat deese verpagting gerendeert heeft 13815. Cranganoorte parras nelij en 15000: Cochimse fanumt, en dus in dit Jaar 4251 3/3. parras Afgescheept. 1769. den 29. december p:r Ruijteveld. . . ld: 212818. –. „ 11. Maij 1770. p:r voorm: bodem „ 567458:— „780276:- Dus minder afgescheept dan ontfangen. . . . . . lb: 408. —. De Gepermitteerde 1½. p=r C=to op den ontvangst bedragen - - - - „ 11710.— Oversulks den ondergetekende Resident nog ten goede komen ilb: 11302. -. Paca Adij ultimo augustus 1770. /was getekend/ A=m Toussain /: in„ margine:/ stond gesien /getekend:/ D: Tkellij. P„r Transport. . . . . - lb: 780684. –. Dingsdag den 2' october 1770. g 70. en insertie van het rapport Dingsdag den 2. ' october A:o 1770. en 266: /8s Canums meer dan in annopass:o, zoo als hier onder breedvoeriger kan werden gesien. Aan den wel Edele Agtbaaren heer Christiaan Lodewijk Senff Gouverneur en directeur der Custe mallabaar Canara en Wingurla. Wel Edele Achtbaaren Welgebiedende Heer. Jn naarkoming, van de veel ge„ „Eerde ordre, van uwel Edele Agtbaren, hebben wij ons begeven na Paponettij„ en den 23. deeser aldaar verpagt, de geregtigheeden der thiendens, zoo van de partuculiere thuijnen als Zaaijlanden, in 'sCompagnies Conquest paponettij te vinden, voor den tijd van een rond Jaar, gerekent van primo 79 Dingsdag den 2.:' october A:o 1770. primo september 1770. tot ultimo aug. o 1771, en welke gerendeert hebben teweeten: De thiende der Zaaijlanden 13'81. -. Cranga„ „noorse parras Nelij, en die Der thuijnen 15000: Cochimse fanums, oversulks 4251 7/3. Cranganoorse parras nelij en 2666 2/3. Cochimse fanums meer„ „der dan de voorige verpagting, gere„ „kent na proportie van den tijd, deeser en de voorige verpagtinge, welke voormalige verpagtinge is geweest, voor 18. maanden, dog deese maar voor een Jaar; nader consteerende uijt de deesen bijgevoegde rendementen, waar aan ons, in hoope van voldaan te hebben aan de g'Eerde intentie van uwel Edele Achtbaaren gedragende, ons overigens met het volmaakste respect noemen /:onderstond:/ wel Edele Achtb: wel gebiedende Heer. / lager/ uwel Edele Achtbaare onderdanige en gehoorsame dienaaren (was getekend desertie van twe bordaten ontvangst van een patriase missive neven een eijsch van Cardamnom over de bevorging zal Adij Ragia onderhouden worden Dingsdag den 2. ' october A:o 1770 getekend/ G. W. Medelea en S. C. Saffin /in margine/ Paponettij den 25. ' aug: anno 1770. Eijndelijk werd in deesen nog aangetekend: Dat in de gepasseerde nagt twee Europeese zoldaaten, in name her„ man Hendrik Rosenmeijer van Petershousen en Hendrik Muller van dasvelt, over de staasmuur geklom„ „men en met hunne volle wapenen gedeserteert zijn, zo meede: dat op den 5. der gepasseerde maand september, over de Tutucorijnse Landweg van Colombo ontvangen is Een patriase missive ge„ „dateert 25. october 1769. met de gewoone Extracten en daar onder ook een Eijsch van 20'000: lb: Cardamour, tegen de bepaalde paijs van 40. stuijvers 't pond aangaande welkers voldoening de heer Gouverneur aangenoomen heeft, Aan den Moors Regent Adij Ragia direct te sullen schrij 81 geren bestellen een placcaat aan den ko= ning van Cochim schrijven. Aldus Gedaan, Geresolveert en g'arresteert Jn Raede van Mal„ „labaar, ter steere Cochim ten daege, maand en Jaere voormeldt, /was gete„ kend:/ C. S. Serff. . . . . . g. H. Medeler, R: v: Harn, I. C. Saffin, J: L. van Spall, A. R. Schutz en C. G: Seijffer. — Dingsdag den 2. ' october A:o 1770. Donderdag Den 4. october Anno 1770. 'smorgens ten halv agt uuren, Dempto D' E secunde Kellij door Jndispositie. De leeden ter bestemder uure, ten woonhuijse van den heer Gou„ „verneur verscheenen en vervolgens immeerteri chutze nopetoek van ten zit plaats genomen hebbende, geliefde sijn Edele te zeggen, dat den secretaris schutz: en oppertolk van Jongeren vol maar een ola aan deselve meede ge= geven insertie daar van Donderdag Den 4. october Ao 170 volgens Resolutie van den tweeden Courant gister bij den koning van Cochim op tripontarre waren geweest, en aan zijn hoogheijd het placcaat ter hand gesteld hadden, zijn ho:t heeft het selve niet g'accepteerdog dat deselve, daar meede wederom te rug waren gekomen, en van zijn hoogheijd teffens hadden mede gebragt een ola van deesen Jnhoud. Translaat ola, door den koning van Cochim, geschreeven Aan den wel„ „Edele Achtbaaren Heer Gouverneur en directeur, Christiaan Lodewijk senff, ontvangen den 3. october Ao 1770. Den secretaris en den tolk sijn op sripontarre geweest, en hebben ons bekent gemaakt, wat uwel Edele Agtbr
English
Thursday the 4th of October Anno 1770. Honorable Sirs have ordained to the same; during our presence at Angecaijmaal, on the occasion when we were to undertake the journey hither to begin the medical treatment, we told the commissioners that as soon as we had finished with the medical treatment, we would come to Cochim and meet Your Honors in friendship and speak regarding the matter of the community of the Canarins, that of the toll, and that of Mattancherij, and the bazaar of the Canarins, and show Your Honors the proofs that are in our possession. We have now read that paper which was sent here, containing all these matters that were to be published; the truth of these three points we shall demonstrate to Your Thursday the 4th of October Anno 1770. Honors, that since we placed our trust in the Honorable Company and brought Their Honors here, from that time onward, until now, we have possessed the same. While we have promised this to Your Honors, we cannot understand what reason Your Honors have to put this matter to paper in such a manner, and upon reading that paper, we were completely astonished, and we have no reason to keep that paper. Our ancestors and we have placed our trust in the Honorable Company, and as soon as our days of medicine are over and we arrive in Cochim, we shall make the truth of the matter understood to Your Honors; and in the meantime, while the matters are under negotiation from both sides, Thursday the 4th of October Anno 1770. we protest against the matters contained in that paper, that they may not be put into execution. We saw from it that this paper was to be posted outside the city; if such were to happen, our enemies and other communities will surely assume that the Honorable Company has abandoned us. Therefore, we request Your Honors not to show that paper to any other outsider nor to post it. Our ancestors placed their trust in the Honorable Company, and from that time onward possessed such matters, which we request to be permitted to possess as well with the favor of Your Honors. Signed by His Highness. Below stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: J. V. Jongeren, Sworn Translator. And Thursday the 4th of October 1770. It being evident from this that the King of Cochim will not settle the disputes, and to lease out the rights at Mattancherij and the Canarin bazaar and pagodinhos. And since it is clearly evident from this that even this is not capable of persuading the King of Cochim to enter into an amicable negotiation for the settlement of the disputes, as he again, as before, raises nothing but groundless exceptions, it is resolved by unanimous vote, upon the special canvassing by the Lord Governor, to let the publication and posting of the edict, which stands recorded in the Resolution of the 2nd instant, take place at once; and in case that also should have no effect in bringing the King to other thoughts, then to post bills and subsequently also hold the effective leasing of the tobacco, the toddy, and arrack taverns, and the petty trade on and along Mattancherij, the bazaar of the Canarins, and and Paggadinjes, for the remaining time of the current book-year, being 10½ months, calculated from the 15th instant until the end of August next. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Mallabaar in the city of Cochim, on the day, month, and year aforesaid. Was signed: C. L. Senff, J. H. Medeler, R. v. Haan, J. C. Sassin, J. S. v. Spall, A. R. Schulh, and C. G. Seijsser. Thursday the 4th of October Anno 1770. Wednesday the 10th of October Anno 1770, in the morning at nine o'clock. All present. After the members of this assembly had met at the residence of the Lord Governor, and subsequently had taken their seats in the Great Hall that had been prepared for that purpose, the Lord Governor was pleased to say that The King of Cochim makes no move toward a meeting after the publication of the edict. They have had the bills published for the leasing of the rights at Mattancherij, the bazaar of the Canarins, etc. Wednesday the 10th of October Anno 1770. inasmuch as since the proclamation of the edict drafted and determined on the 2nd instant, the King of Cochim has not made the slightest move to meet His Honor in order to reach an amicable settlement regarding the disputes in question, His Honor had deemed it necessary, for the advancement of the Company's interest and pursuant to what was decreed on the 4th instant, to proceed with the publication of the bills on the 8th instant and to announce to the community the leasing of the toll rights mentioned in that decision under today's date; but inasmuch as, partly due to the shortness of time and other manifold occupations [illegible]
Dutch transcription
83 Donderdag Den 4. october A:o 1770. Agtbaaren aan deselve g'ordonneert heeft; staande onse aanweesen op Angecaijmaal, ter gelegentheijd toen wij de reijse dit heen zoude onder„ „neemen, om met het medicineeren te beginnen; hebben wij aan de gecommitteerdens gesegt, dat wij soo dra gedaan werk kreegen met het medicineeren, op Cochim souden komen, en uwel Edele Agtbaaren in vriendschap ontmoeten en we„ „gens de zaek van de gemeente der Cannarijns, die van de Thol, en die van mattancherij, en de bassaar der Cannarijns spreeken, en uwel Edele Agtbaaren verthoonen, de bewijsen die onder ons berusten„ wij hebben nu dat papier gelesen dat hier gesonden is, vervattende alle deese zaaken die gepubliceert zoude werden; de waarheijd van deese drie poincten zullen wij uwelEdele Donderdag den 4. October A:o 1770. dewel Edele Achtbaaren aanthoonen, dat seedert wij ons vertrouwen op de E: Compagnie gevestigt en haar Edele hier gebragt hebben, van die tijd af aan, tot nog toe, wij deselve gepos„ „sideert hebben, terwijl wij zulks aan uwel Edele Achtbaaren belooft hebben, konnen wij niet begrijpen, wat reeden uwel Edele Agtbaaren heeft deese zaek zoodanig ten papiere te brengen, en bij het leesen van dat papier, sijn wij gantsch verbaast geworden, en wij hebben geen raeden om dat papier te bewaaren; onse voorsaeten en wij hebben kekkp ons vertrouwen op d' ECompagnie gevestigt, en zoo dra onse medicijn dagen over zijn, en wij op Cochim komen, zullen wij de waarheid van de zaek, aan uwel Edele Agtbaaren te verstaan geeven; En intusschen dat de zaeken van weerskanten in onder„ handeling 85 Donderdag den 4. October A:o 1770. handeling zijn, protesteeren wij tegens de zaken vervat staande bij dat papier, dat zij niet ter uijtvoering mogen werden gesteld: wij zagen daar uijt dat dit papier buijten de stad zoude werden g'affigeert, wan„ „neer zulx quam te geschieden, zullen onse vijanden ende andere gemeente vast onderstellen, dat d' ECompagnie ons verlaeten heeft, daarom ver„ soeken wij uwel Edele Agtbaaren, dat papier aan geen ander van buij„ „ten te verthoonen nog te abbigeeren; onse voorsaeten hebben haar ver„ „trouwen op d' ECompagnie gevestigt, en van die tijd af aan zoodanige zaaken Gepossideert, dewelke wij versoeken met de gunst van uwel hdele Achtb: ook te mogen possideeren, / getekend/ bij zijn hoogheijt /:onderstond/ voor de translatie Cochim dato als boven /(was gete„ kend / J: V: Jongeren Geswoore Granslateur En Donderdag Den 4. october 1770. —. Cochim de verschillen niet wil afdoen ceeren en de geregtigheeden te Mattancherij en de bazaar Canarijn en pagodinhos te verpagten En dewijl hier uijt klaar blijkt, dat ook dit niet in staat is, den daar uijt beijkt dat den koning van Koning van Cochim te persuadeeren, om tot de afdoening der verschillen, in eene minnelijke onderhandeling te treeden, alsoo hij wederom gelijk bevoorens, niets als ongegronste Excep„ „tiën maakt, zoo werd op de speciale rondvraage, van den heer Gouverneur, met een paarige stemmen Geresolveert, besluijt het placcaat te laten publi de publicatie en affixie van het placcaat, dat ter Resolutie van den 2. Courant ingeschreeven staat, als nu ten eersten te laaten geschieden, en ingevalle dat ook van geen Effect mogte sijn, om den koning tot andere Gedagten te brengen, als dan billietten aanteslaan, en vervolgens ook effective verpagting te houden, van de tabak de Iurij en Araks tapperijen, en den smallen handel, op en langs mat„ „tancherij, de basaar der Canarijns en 87 en Paggadinjes, voor den overigen tijd van het thans loopende boekjaar, zijnde 10½. maand, gerekend van den 15. Courant, tot ultimo augustus aan„ staande. Aldus Gedaan, Geresolveert en Ge„ arresteerd in Raede van Mallabaar ter steede Cochim ten daege, maend en Jaere voormeld /:was getekend:/ C: L: Senff: J. H. Medeler, R. v: Haan, J. C. Sassin J. S. v: Spall, A. R. Schulh: en C. G Seijsser. Donderdag den 4. october A:o 1770. Woensdag den 10=e October Anno 1776: smorgens ten Negen uuren Alle Present. Na dat de leeden deeser ver„ „gadering; ten woonhuijse van den heer Gouverneur bij een gekomen, en vervolgens in de Groote zaal die daar beweeging tot een ontmoeting na de publicatie van het plasdaat der geregtigheeden te Mattancherij, de ba= Woensdag den 10. ' october Ao 1770. daar toe gereed gemaakt was zit„ „plaats genomen hadden, Geliefde den heer Gouverneur te zeggen, dat ver„ den koning van Cockim maaktgeen mits zedert het afkondigen van het placcaat op den 2=en Courant, beraamt en vast gesteld den koning van Cochim Geen de minste beweeging heeft gemaakt, om sijn Edele te ontmoeten, om wegens de bewuste verschillen tot een minnelijk vergelijk te komen, zijn Edele tot bevordering van 'sCompagnies intrest nodig had geoor„ „deelt, ingevolge het gearresteerde van den 4. Courant, met de publicatie men heft de blgiten tot denpagtinge der billetten op den 8: Courant dar Conarijn en z: laten publiceeren voort te vaaren, en aan de ge„ „meente de verpagting der bij dat besluijt vermelte thols gereg„ „tigheeden onder heedigen datum bekent te maaken, dog vermits eensdeels wegens de kortheijt des tijds, en andere menigvuldige besig„ heeden de ver gesch dom betaling
English
89 Wednesday the 10th of October Anno 1770 Production of the draft conditions To take place, in order to terminate simultaneously with the Company's domains Determination of the boundaries of the lease Having been prevented today, His Honour, from preparing the formal conditions of those leases, had only drafted a concept of the principal conditions under which those leases could take place; upon which, the said concept The lease shall be for 10½ months having been reviewed, it was approved and understood that the said leases shall commence in the middle of this month, and terminate at the end of next August, or a period of 10½ months, in order, subsequently, to be leased simultaneously with the Company's other domains; furthermore, that the boundaries should extend over and along a portion of the Plaza, or territory of this city, including Mattancherry from Calvethy up to and including the Great Church, the Canarese bazaar, as far as it Conditions of the sale of sury, arak, and tobacco, bang and changauw What the farmer shall enjoy from goods brought in from the country Wednesday the 10th of October 1770. extends to behind the pagoda, and other dwellings of the Canarese and the small pagodas, or quarters of the Banians and silver smiths. That the conditions of the sale of Arak and Sury shall be as of old, except that under the tobaccos shall also be included the bang or Changauw. That everything brought in by sea, and having passed the city toll, shall be exempt from payment of dues. Yet that on the other hand, from the goods brought in from the country to Mattancherry or within the creek of the Canarese Bazaar, the farmer shall enjoy, to wit: Paddy, to the value of 100 fanums, 1½ fanums. Jaggery 91 Wednesday The 10th of October Anno 1770. For each candy, 10 fanums: Jaggery, Copra, Cinnamon flowers, Ginger, Boriborij, Coir yarn, Ditto ropes, Ore iron, Wild ginger, Verwal, Joapaly, Sliced Chikinie areca, White areca, and Sandalwood. Of Gingelly and coconut oil, for each chodan, ½ fanum. Butter, for each chodan, 1 fanum. Cooked nuts, per 1000 pieces, 5 fanums. Raw wax, for each maund of 25 lb, 1 fanum. Cumin, for each maund, 2 fanums. Of manchuas brought here and sold, for each 100 fanums, 2 ditto. That And how much from the shopkeepers Wednesday the 10th of October Anno 1770. That the farmer may take the established dues from these goods, and from no greens nor other trifles, and only once upon arrival, and thereafter no more; That he, the farmer, besides this, shall enjoy from the shopkeepers one quarter fanum per month, for each cubit that a shop is wide; to wit, everyone who wants to open a shop shall be obliged, at the beginning of each month, to pay this due, and to obtain a permit slip from the farmer for it, on which he may sell for the entire month everything that is permitted, without anyone being allowed to demand anything more from him, or from those who buy from him. And finally, that in case 93 Wednesday the 10th of October Anno 1770. Conditions are read out in the Dutch, Portuguese, and Malabar languages Tobacco sale is struck down for 1100 rupees further explanation or determination should be necessary regarding these conditions, the farmers have the liberty to address the Lord Governor; after which, the assembled community of Canarese, Jews, citizens, and other inhabitants, having been admitted into the council chamber, and the aforementioned conditions having been presented to them in the Dutch, Portuguese, as well as Malabar languages, the leasing proceeded, and Firstly, put up for auction by increase: the right to the sale of Tobacco, and the farmer thereof became the Canarese Naga Chetty for the sum of One Thousand and One Hundred Rupees, for which the Canarese Bakady Chetty and Vengadasa The right of petty traders for 1600 rupees Wednesday the 10th of October Anno 1770. Vengadasa Chetty bound themselves as guarantors. Secondly, the right of the tolls and sury and Arak taverns for 600 rupees sury and Arak tavern, the farmer of which has become the freeman Floris Rodrigues, for the sum of six hundred Rupees, for which the Topasses Manuel Nunez and Joseph de Sousa bound themselves as guarantors. And Thirdly, the right to the sum of the petty trade, the farmer of which has become the Canarese Pilla Chetty, for the sum of One Thousand and six hundred Rupees, for which the Canarese Sassa Poy and Maduapoy bound themselves as guarantors. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Malabar in the city of Cochin, on the day, month, and year aforesaid. /was signed:/ C. L. Senff, D. Kelly, J. H. Medeler, R. v. Haan, S. C. Saffin, J. L. v. Spall, A. R. Schuts, and C. G. Seyffer. prepared were approved Monday 95 Monday the 15th of October The prepared dispatches were approved and resolved to send them with the small ship to Ceylon Anno 1770. In the morning at nine o'clock, All Present, except the Honourable second-in-command Kelly, due to indisposition. The Lord Governor, on account of manifold businesses, having been unable to attend this meeting, the present members met for the assumption of the [advises] prepared for the fatherland at the appointed hour in the ordinary Council chamber, and read and reviewed with one another the annual advices prepared for the Fatherland and Batavia, likewise, letters for Cape of Good Hope, Colombo, and Galle; and as it was found that a proper, brief, and concise account of what occurred in the service of the Honourable Company was rendered by the aforesaid advices, the Council has fully approved the same
Dutch transcription
89 Woensdag den 10. october A:o 170 productie van ae Conoepst Conditien geschieden, om tegelijk met 'sComp:s domainen te uindigen bepaling der limieten van de pagt „heeden sijn Edele hadden belet„ om van die verpagtingen formeele Condities in gereedheijd te brengen, eenelijk een concept had ontworpen, van de voornoemste Condities waar op die verpagtingen zullen kunnen geschieden; waar op het gemelde Concept den pagting zal vor 10 ½. maanden geresumeert zijnde, wierd goedgevonden en verstaan, dat de gemelde pagten sullen ingaan met medio deeser, en eijndigen met ultimo augustus aanstaande, of den tijd van 10½. maanden, ten eijnde, vervolgens te gelijk met sCompagnies verdere domainen ver„ „pagt te kunnen werden; wijders dat de limiten sig souden uijtstrecken„ op en langs een gedeelte van het Pleijn, of Grond gebied deeser stad, begrijpende, mattancherij van Calwettij af tot de Groote kerk in clusive, de Cannarijnse basaar, zoo verre die Conditien van den verkoop van zurij, arak en taba k Bang bij en Changauw wat den pagter van goederen die uijt het land aangebragt werden, zil genieten Woensdag den 10. ' October 1770. die zich uijtstrekt tot agter de pagood, en andere wooningen der Cannarijns en de pagodinkes, of buurten der Benjaanen en silver Smits. Dat de Conditien van den verkoop, van Arak en Iurij zullen zijn, als van ouds, Excepto, dat onder de tabaks ook zal begreepen zijn de banglij of Changauw Dat alles wat ter zee aangebragt werd, en de stads thol gepasseert is, vrij zijn zal, van betaaling van geregtigheijdt. Dog dat daar en teegen, van de 1 goederen die uijt het land, op mat„ „tancherij of binnen de Spruijt van de Cannarijnse Basaar aan„ „gebragt werden, de pagter zal genieten, teweeten: Nelij van de waarde van 100: fa„ „nums, f:o 1½. Jager 91 Woensdag Den 10. ' october A:o 1770. van ieder Candijl fanums 10. —. Jager, Copera, Caneel bloemen, gember, boriboarie; Caijerdraat, dito Touwen, berg ijser, wilde Gember verwal, Joapalij gesneede Chikinie arreek witte arreek en sandelhout van Gengelij en ieder sjoden fan= - ½. Clappus olie booter van ieder Tjodena N„o 1. -. kookies nooten, van 1000 stuks f„o 5. —. wax Ruw van ieder maon of 25. lb: f:s 1. Comijn van ieder maon - - „ 2. van mansjouws die hier aangebragt en verkogt werden van ieder 100: f„s, d:o 2. –. dat en hoe veel van de boutequeror Woensdag Den 10' October A:o 1770. Dat den pagter van deese Goederen, en van geene groente noch andere klijnigheeden de gestelde gereg„ „tigheijd, zal mogen neemen, en maar eens bij aanbreng, en vervolgens niet meer; Dat hij pagter, buijten des van de boutigueros zal genieten, een quart fanum 's maands, van ieder Cobibo die eene bouticq breed is; 6 geweeten, een ieder die eene boutique wil openen, sal verpligt sijn, in 't begin van ieder maand deese geregtigheijd te betaalen, en daar voor een permissie briefje van de pagter te neemen, waar op hij de gantsche maand verkoopen kan alles wat gepermitteerd is, sonder dat hem, of de geenen die van hem koopen, iemand iets meer zal mogen afeijsschen En eijndelijk, dat bij aldien aan 93 Woensdag Den 10:' October A:o 1770. CCondities worden in de hollandse por„ „geete en mallabaarse taale opgeleesen ntabaks verkoop is gemeijnt voor 100: ropier aangaande deese Conditien eene ver„ „dere verklaaring of bepaaling noodig sijn mogte, de pagters vrijheijdt heb„ „ben, sig aan den heer Gouverneur te mogen addresseeren; waar na, de bij een vergaderde gemeente de Cannarijns, Jooden, bur„ „gers en andere Jngesetenen, in de vergaderzaal gelaaten, en aan deselve de voorschreeve Condities soo in de ne„ „derduijtsche, portugeesche als mal„ „labaarsche taalen, voorgehouden sijnde, is men met de verpagting voortgevaaren. en Eerstelijk, bij opslag op geveijlt„ de geregtigheijd van den verkoop van Tabak, en daar van sagter ge„ „worden den Cannarijn Naga Chettij voor de somma van Een duijsend en Een Hondert Ropias, waar voor sig tot borgen hebben verbonden de Cannareijns Bakadij Chettij en Wets de geregtigheid van swalle handelaars voor 1600: rap Woensdag den 10. October A:o 1770. Wengatesse Chettij„ sweedens, de geregtigheid van de de saijen anks tasperije voor 600: 0 ps surij en Araks tapperij, waar van pagter is geworden, den vaijman floris Rodigues, voor de somma van ses hondert Ropias, waar voor zig tot borgen hebben verbonden, de toepas„ „sen Manuel Nuned en Joseph de sousa. en sen Derden, de geregtigheijd van insump de smalle handel, waar van pagter is geworden, den Cannarijn Pilla Chettij, voor de somma van Een duij„ „send en ses hondert Ropias, waar voor zig tot borgen hebben ver„ „bonden, de Cannarijns sassa Pooij en maduasooij Aldus Gedaan Geresolveert en Gearresteerd Jn Raede van mallabaar ter steede Cochim, ten daege, maand en Jaare voorm: /was getekend:/ C: L. Seuft, D: kellij g. H: Medeler, R: v: Haan S: C E Saffin, J: L. v: Spall, A. R. schute en C. G. Seijffer. hid gebrag erden 9' appr Maandag 95 Maandag Den 15. ' October uid gebragte advijken erden g'approbeert en beslooten deselve met en 't hmal schip na Ceijlon tesenden Anno 1770. smorgens ten Negen uuren, Alle Present. dempto d' E. secunde Kellij, door Jndispositie Den Heer Gouverneur mits volhandige besigheeden deese vergade„ „ring niet hebbende kunnen bijwoonen, zoo sijn de aanweesende leeden ter dumptie van de voor het patria ingereed= bestemder uure in de ordinaris Raadkamer bij een gekomen, en hebben de in gereedheijd gebragte Jaarlijkse advisen pro Patria en Batavia, item, brieven voor Cabo de Goede Hloop, Colombo. en Gale, met malkander geleesen en Geresumeert; En alsoo bevonden wierd, dat van het voorgevallen in den dienst der ECompagnie bij voorsz: advisen een behoorlijk, kort en beknopt verslag gedaan is, heeft. den Raad deselve volkomen ge
English
receipt of a Batavian packet [illegible] Monday the 15th of October Anno 1770. approved, signed, and also decided to send those papers, in conformity with our resolution of the second instant, with the narrow ship the Jonge Susanna, to Gale for obtaining further address. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Malabar at the city of Cochim, on the day, month, and year aforementioned. /was signed/ C: S. Seuft. . . . . J: H. Medelea, R: v: Harn, S. C. Saffin, J. L. van Spall, A. R. Schutz, and C: G. Seijffer. Wednesday the 7th of November Anno 1770, in the morning at 8 o'clock. All Present. At the beginning of this meeting, the Lord Governor was pleased to say that His Honour, having received yesterday evening from 1 97. Wednesday the 7th of November 1770. opened and found therein a general and separate letter Ceylon via Tutucorijn a Batavian packet with papers, had expressly convened this meeting in order to open it and take readings thereof, but to postpone the business concerning it until a further meeting, and furthermore to have note taken of that which has occurred since the last meeting. Whereupon the same being opened and read, it was found to contain a general letter from Their High Mightinesses to this ministry, together with a separate one addressed to the Lord Governor and the Second, as well as such other appendices as are mentioned in the register dated the 3rd of August of this year; also granted burgher freedom production of the memorandum of some delivered gifts Wednesday the 7th of November 1770. Reading was also taken of a petition submitted by the sergeant Johannes Smith of Coblens, requesting to be discharged from the Company's service and granted burgher freedom, in order to earn a livelihood alongside other burghers and inhabitants here; so it was agreed to grant his request, provided he remains obliged always to re-enter the Company's service whenever such may be required, with the further restriction not to move elsewhere to reside without special consent from the high authority of this Coast; further, there being produced by the Lord Governor a memorandum of some small gifts that have been delivered since the last meeting, note is hereby taken 99 Wednesday the 7th of November 1770. insertion thereof thereof, and the memorandum is inserted with this resolution; Memorandum of some small gifts that were delivered on the following dates, namely: Dutch Purchase Sale To the King of Aijroer, the 15th of October 1770. 1 piece of cane with a gold knob, weighing approx. 10 ducats, and estimated at . . . . . . . . rop: 50. –. –. To Moerinattij Nambiaar the 16th of October 1770. 5 lb. cloves . . . . . ƒ 1. 13. 8. ƒ 21. —. —. 5 lb. nutmegs . . . . . . . . „ —: 17. —. 12. —. —. 3 lb. mace . . . . . . . . „ 1. 10. 8. 15. 12. -. 4 pieces of armozeen . . . . . „ 81. 12. —. 81. 12. —. Total . . . ƒ 85. 13. — ƒ 130. 4. -. To the Prince of Cartamana, the 25th of October 1770. 6 lb. cloves - - - - ƒ 2. — 8. ƒ 25. 4. —. 6 lb. nutmegs . . . . . - - „ 1. —8 14. 8. —. 3 lb. mace . . . . . . . „ 1. 10. 8. 15. 12. -. 4 pieces of armozeen - - - „ 81. 12. -. 81. 12. -. Together ƒ 86. 3. 8. ƒ 136. 16. — Cochim the 30th of October 1770. /was signed/ D: Kellij. as the soldier Carel Salomon November 1770. as also that His Honour, approval of a criminal sentence against under date of the 31st of the past month of October, has approved the criminal sentence pronounced by the Council of Justice of this city against the soldier Carel Salomon of Dantsig, according to the following act: Wednesday the 7th of The undersigned Governor, having read and reviewed all the documents belonging to the trial initiated by the Honourable Fiscal R: O: against the soldier Carel Salomon, for the severe wounding of his fellow soldier Jan Hendriksz.; Approves the sentence pronounced today by the Honourable Council of Justice, as it stands, and permits the same to be pronounced and 101 Wednesday the 7th of November 1770. with the small ship of Adi Ragia insertion of the account executed at the customary time and place. Cochim the 31st of October Anno 1770. /was signed:/ C: L. Seuff. That on the 29th of the just dispatch of necessities to Cananoor mentioned month, with the ship named Aijdroes, belonging to the Moorish regent Adij Ragia, various necessities have been sent to Cananoor in deduction of the servants' requisition. That the said Moorish Regent, having on that occasion also received some artillery goods and a kedge anchor, the Honourable Second Kellij has drawn up a further account thereupon, whereby it appears that the same, under the aforementioned date, [illegible] still owes to the Honourable Company a sum of Ropias 14477:53; as is demonstrated more extensively here below. Account
Dutch transcription
ontrmngst va ee batariape pageut sepir Maandag den 15. october A:o 1770. geapprobeert, getekend en teffens beslooten om die papieren, Conform ons besluijt van den tweeden Cou„ „rant, met het smal schip de Jonge Susanna, ter erlanging van verdere addresse na Gale te versenden. Aldus Gedaan, Geresolveert en Ge„ „arresteerd in Raede van malla„ „baar ter steede Cochim, ten dage, maand en Jaere voormeld /was getek:d/ C: S. Seuft. . . . . J: H. Medelea, R: v: Harn, S. C. Saffin, J. L. van Spall, A. R. Schutz en C: G. Seijffer. Woensdag den 7. 9ber: Anno 1770, 's morgens ten 8. uuren Alle Present Den aanvang deeser bij eenkomst, geliefde den heer Gouverneur te zeggen, dat zijn Edele Gister avond van 1 97. Woensdag den 7. November 1770. word g'opent en daar in bevonden een gemeene en secdeele missive van CCeijlon over Tutucorijn ontvangen hebbende, een bataviaas Paquet met papieren, deese vergadering Expresse had laaten beleggen, om het zelve te openen, en daar van lectura te „nemen, doch de besoigne daar over uijt te stellen, tot eene nadere ver„ „gadering, en voorts in deesen aantee„ „kening te laaten houden, van het geene zeedert de laatste bij eenkomst voorgevallen is. waar op het zelve geopent, en daar van lectura genomen sijnde, wierd bevonden, het zelve te behelsen, een gemeene missive van haar Hoog Edelheedens, aan dit ministerie, benevens een aparte aan den heer Gouverneur en secunde gerigt, mitsgaders, zoodanige andere bijlaa„ „gen, als op het Register gedateerd 3. Augustus deeses Jaars, vermelt staan; noch viijdom gestelt productie van de memorie van enige afge„ gere geschenken Woensdag den 7. November 1770. Noch wierd lectura genomen van een request door den sergeant den den aa Johannes mits wodinbrge Johannes Smith van Coblens in„ „gediend, versoek doende, om uijt 'sComp:s dienst ontslaagen en in burger vrijdom gesteld te mogen werden, om zich nevens andere burgers en Jngeseetenen alhier „ te moogen geneeren; zoo wierd verstaan desselfs versoek te accordeeren, mits gehouden blijvende altoos wederom in 'sCompagnies dienst te treeden, wanneer zulx mogt wer„ „den gerequireert, met die verdere restrictie, om buijten speciaal Consent van de hooge overigheijdt deeser Custe, zich niet elders met er woon te mogen begeven; voorts door den heer Gouverneur geproduceert zijnde, een memorie van eenige klijne geschenken, die zedert de Jongste bij eenkomst zijn afgegeeven, zo werd bij deesen daar 99 Woensdag den 7. November 1770. insertie daar van daar van aanteekening gehouden, en de memorie bij dit besluijt g'insereert; Memorie van Eenige klijne geschenken, die op de volgende datums, zijn afgegeven, teweten: Nederlands Jnkoops uijtkoops Aan den koning van Aijroer, den 15. october 1770. 1. p„s Rotting met een goude knop, wegende. Circa 10. ducatten, en geschat op. . . . . . . . rop: 50. –. –. Aan moerinattij Nambiaar den 16: october 1770. 5. lb. nagulen. . . . . ƒ 1. 13. 8. ƒ. 21. —. —. 5. „ nooten. . . . . . . . „ —: 17. —. 12. —. —. 3. „ foelij. . . . . . . . „ 1. 10. 8. 15. 12. -. 4. p:s armozijnen. . . . . „ 81. 12. —. 81. 12. —. Telt. . . . ƒ 85. 13. — ƒ 130. 4. -. Aan den Prins van Cartamana, den 25. october 1770. 6. lb. nagulen - - - - ƒ 2. — 8. ƒ 25. 4. —. 6. „ nooten. . . . . - - „ 1. —8 14. 8. —. 3. „ foelij. . . . . . . „ 1. 10. 8. 15. 12. -. 4. p„s armozijnen. - - - „ 81. 12. -. 81. 12. -. Tesamen ƒ 86. 3. 8. ƒ 136. 16. — Cochim den 30. october 1770. /was getekend/ D: Kellij. zoo den saldaat Carel belomon November 1770. zoo meede dat zijn Edele appobehi van en simmeel vonis Conka Onder dato 31. der gepasseerde maand october, heeft geapprobeert, het geslagen Crimineel vonnis, bij den Raad van Justitie deeser Steede, Contra den soldaat Carel Salomon van dantsig, uijtwijsens de ondervolgende Acte: Woensdag den 7. De ondergetekende Gouverneur geleesen en geresumeert hebbende, alle de stukken gehoorende tot het proces, door den E. fiskaal R: O: geëntameert, Contra den soldaat Carel Salomon, over het swaar quetsen van den meede soldaat Jan Hendriksz.; Approbeert het door den Achtba: Raad van Justitie op heeden geslaagen vonnis, so als het legt, en staat toe, dat het zelve ter gewooner tijd en plaatse gepronuncieert en ge„ ver m in ex 101 Woensdag Den 7. November 1870. met ot scheefje van Ade Ragia invertie van de rake„ „executeerd werde. Cochim den 31:e october A:o 1770. /was getekend:/ C: L. Seuff, Dat er op den 29. der even versending van benodigtheeden na Cananoor gemelde maand met het schip ge„ „naamt Aijdroes, toebehoorende den moorsch regent Adij Ragia, „verscheijde „benoodigtheeden in mindering van der bediendens Eijsch, na Cananoor versonden zijn. Dat gemelde moors Regent, te dier occasie ook Eenige arthillerie Goederen en een werp anker genooten hebbende, den E: Secunde Kellij daar op een nader Reekening heeft opgemaakt, waar bij blijkt, dat denselven onder voorschreeven datum, sor mel abrgia angan de Confitutie nog aan d' ECompagnie schuldig blijft, een somma van Ropias 14477:53; zoo als hier onder breedvoeriger aangethoont werd. Reekening
English
Wednesday the 7th of November 1770. Account of the Moorish Regent Adij Ragia at Cananoor. His debt to the Honourable Company amounted, according to the last closed account dated 5 May of this year, to Rupees 11500. –. Further supplied up to the present date amounts, according to today's receipt, to the following: 2 pieces of brass cannon of 2 lb. ball, together with their gun carriages, with wheels, and the further accompanying appurtenances: Rupees 1271. 44. 2211 iron round shot, namely: 845 pieces of 3 lbs., weighing together 2000 lbs.: 167. 30. 653 pieces of 4 lbs., weighing together 2000 lbs.: 167. 30. 378 pieces of 6 lbs., weighing together 2000 lbs.: 167. 30. 335 pieces of 8 lbs., weighing together 2000 lbs.: 167. 30. 6 pieces of iron cannon, namely: 3 pieces of 3 lb. ball, weighing 889, 902, and 956 lbs.: 513. 53. 3 pieces of 2 lb. ball, weighing 684, 670, and 701 lbs.: 194. 36. Rupees 2650. 13. 1 piece kedge anchor, weighing 1350 lbs.: 327. 40. [Total:] 2977. 50. Total debit: Rupees 14477. 53. Cochim, 29 October Anno 1770. Was signed: D. Kellij. Receipt of a letter from Goa regarding the Jewish merchant Mordockaij concerning the goods of the Getrouwigheijd. Insertion thereof. That the English Captain Hugh Mackaij, commanding the private English vessel named Albion, brought on the 25th of the aforementioned month a letter from Goa, containing an answer to the commission that, according to the resolution of 22 January of this year, had been assigned to the Jewish merchant Mordochaij regarding the tracing of the remaining goods of the ship De Getrouwigheijdt wrecked there, the said letter reading as follows: Lord Captain Makaij, Since I do not know the name of the Dutch Governor of Cochim, I therefore cannot write about the debt of Mr. Jaques Philip de Landersee; however, may Your Honour be pleased to make known to that gentleman that the said Mr. Landersee had left no money in the hands of my brother Don Manuel Anthonio de Almeida, who is his principal attorney, with the intention that his attorneys would send some cargo from the Kingdom of Portugal; but since all his goods in Portugal have been sequestered, his debts cannot therefore be paid. For this same reason, I cannot send an answer regarding the account that the said Mr. Landersee has outstanding with the Dutch Company; but I shall make note of everything to arrange for prompt settlement, for his affairs are concluded, as Your Honour well knows. This is the last answer that I can give to Your Honour in this matter, and as soon as the money arrives from Europe, I shall not fail to provide satisfaction; and may Your Honour be pleased to present this letter to the said Governor. I wish to have the opportunity to serve Your Honour, and I declare that I am (underneath stood) Your Honour's very obliged servant and friend. Signed: Don Lopo Joseph de Almeida Simentel. Lower: For the translation, Cochim, 26 October 1770. Was signed: S. v. Jongeren, Sworn Translator. Departure of the small ship to Ceijlon. Dispatch of a letter and copy of advices to Souratta. That the small ship De Jonge Susanna departed for Ceijlon on the 22nd of the same month. That on the day thereafter, by an English Pattemar, a letter was written and sent to Souratta, and therewith dispatched our copy of advices, as well as the successive packets from Ceijlon, Coromandel, and Bengale received for that directorate. And lastly, that on the aforementioned occasion of Mackaij departing for Bengale, use was made of that opportunity to dispatch a letter to that directorate. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Mallabaar, in the town of Cochim, on the day, month, and year aforesaid. Was signed: C. L. Senff, D. Kellij, J. H. Medeler, R. v. Harn, S. C. Passin, J. L. van Spall, A. R. Schutz, and C. G. Seijffer. Tuesday the 20th of November 1770. In the forenoon at half past ten o'clock. All present, except the Honourable Major Medeler, due to indisposition. Meeting held at the residence of the Governor. Recital of the authorization obtained to relax the conditions for sugar, and to persuade the merchants to purchase the entire quantity of sugar and other merchandise at once. The members of this meeting having assembled at the aforementioned hour at the residence of the Governor and subsequently taken their seats, His Honour was pleased to state that, since the authorization obtained from Their High Mightinesses to relax the conditions for the sale of sugar, and to dispose of the powdered sugar of the latest arrival with an advance of 50 percent if no more could be negotiated for it, and even the old remnants for slightly less; His Honour had been in conversation with the merchants several times to persuade them, if possible, to purchase the entire quantity, both powdered and candy sugar, along with the further merchandise on hand, all at once at certain fixed prices, in order thus to clear the warehouses at a single stroke.
Dutch transcription
Den 7. Woensdag Joods koopman Mordockaij napens de goe„ deren van de getrouwigheijd November 1770. Reekening van den moors Regent Adij Ragia te Cananoor desselfs schuld aan d' Ecompag„ „nie bedraagd bij de laast gesloote Reekening de dato 5. maij deeses Jaars - - - . . . . . . . . . Ro/aƒ 11500. –. Het nader verstrekt tot dato deeses, monteerd: volgens Quitantie van heeden als volgt 2. p:s metaale Canons van 2. lb. baes; benevens hunne affuij„ „ten, met Raaders, en het verder bijgevoegde, toebehooren Rop=s 1271. 44. 2211: — „ ijsere Rondscherp; teweeten 167. 30. 845. p:s van 3. ld:s weg: tesam: 2000: ld:„ 167. 30. 653. „ „. 4. „ „. „. . 2. 000. „ „ 378. „ „. 6. „. „. . „. . 2000. „ „ 167: 30. 335. „ „. 8. „ - „ - - „. . 2000: „ „ 167. 30. 6. p:s ijsere Canons als 3. p:s van 3. lb: bals wegende 889. 902. en 956 lb. . . . . . „ 513. 53. van 2. ld. bals wegende 3. „ 684. 670. en 701. flb. . . . . „ 194. 36 Ro a 2650. 13. 1 p„s werp anker, swaar 1350. lb. . . . . . . . . „ 327. 40. „ 2977. 50. — Somma debit Ro/as 14477: 53. Cochim den 29. October Ao 1770. /was getekend/ D: Kellij. Dat den Engelsche Capitain ontvangst van een brijf van goa van den Hugh Mackaij, Commandeerende het particulier Engelsch scheepje genaemt Albioi, op den 25. der inserti meerm: 103 Woensdag Den 7. November 1770. insertie daar van meermeld maand een brief van goa heeft gebragt, behelsende een antwoord, op de Commissie die aan den Joodsch koopman Mordochaij, blijkens resolutie van den 22. Jannuarij deeses Jaars. opge„ „draagen is geweest, nopens het op„ speuren der agter gebleevene goederen van het aldaar verongelukte schip de Getrouwigheijdt, luijdende, de gemelde briev als volgt. Heer Captain Makaij Nademaal ik de naam niet en weet van den heer hollandse Gouverneur van Cochim, daarom kan ik niet schrijven over de schuld van de heer Jaques Philip de Landersee, dog uEd: gelieve dien heer bekent te maaken, dat gedagte heer Landersee geen geld gelaaten had in de handen van Woensdag den 7. 9ber A:o 170. van mijn broeder Don Manuel Anthonio de Almeida die zijn Eerste gemagtigde is, met Jntentie dat zijne gemagtigdens uijt het koningrijk van Portu„ gal Eenige lading zoude zenden, maar dewijl alle zijne goederen in portugal gesequestreert zijn, daarom kan men zijne schulden niet betaalen, om deese selfde reeden, kan ik geen antwoord senden, wegens de reekening die gemelde heer zandersee uijtstaande heeft, met de hol„ „landse Compagnie; maar ik sal van alles notitie geeven om een spoedige voldoening te besorgen, want zijne zaaken zijn afgedaan, gelijk uwel Edele wel weet. dit is het laast antwoordt, dat ik aan uw Edele geeven kan, Jn deese zaek. en ver 105 Woensdag Den 7. November 1770. vertrek van het smal schip na Ceijlon na soutatta en zoo dra als het geld uijt Europa komt, zal ik niet in gebreeke blijven, de satisfactie te besorgen; en deese briev gelieven uwel Edele te verthoonen aan gedagte heer Gouverneur. Jk wensche Gelegentheijd te mogen hebben om uwel Edele te dienen, en betuijge dat ik ben (:onderstond) dwel Edele seer verpligten dienaar en vriend /getekend/ Don Lopo Joseph de Almeida Simentel /:lager/ voor de translatie Cochim den 26: october 1770. /:was getekend:/ S v: Jongeren Geswoore Translateur Dat het smal schip de Jonge Susanna, op den 22. e dito na Ceijlon vertrokken. Dat men 'sdaags daar aan met versending van ee brisf en Copia doijen en Engelsche Pattemaar na souratta geschreeven en daar meede versonden heeft, onse Copia advisen, zoo meede de Woensdag Den 7. 9ber: A:o 1770. de successive paquetten van Ceijlon, Cormandel, en Bengale voor die directie ontvangen. En Laatstelijk dat men ter gelegentheijd voorschreeven, Mackaij na Bengale vertrekt, van die occasie gebruijk gemaakt heeft, om een briev na die directie te laaten afgaan. Aldus Gedaan, Geresolveert en Gearresteerd in Raede van Mallabaar, ter Steede Cochim, ten daege, maand en Jaere voormeld, /was getekend: /. C. L. Seuff, d. kellij J. H: Medeler, R. v: Harn, S. C. Passin, J. L. van Spall „ A. R: Schutz in C. G: Seijffer; Dingsdag den 20. 9ber: 1770. 'svoormiddags te half Elf uuren Cbewiad Alle Present Dempto D' E. Majoor Medelea door Jndispositie; buijker De leeden deeser vergadering iter ou Verhaling om in gou antes 6 107 Dingsdag den 20. November 1770. veregadering ten woonhuijse van den heerf gouvenseer gehouden verhalinge van de bekome qualificatie, om met de zuiker de hand teligten versuadeeren, om de geheele quantiteit uijker en andere koopmanschappen anteslaan ter voorm: uure ten woonhuijse van den heer Gouverneur bij een gekomen en vervolgens zit plaats genomen hebbende, Geliefde zijn Edele te zeggen, dat zedert de bekomene qualificatie, van haar hoog Edelheedens, om met den ver„ „koop van zuijker de hand te ligten, en de poeder zuijker van den Jongsten aanbreng, met een advans van 50. p=rC=to, indien er niet meer voor te bedingen, en de oude Restanten zelfs, voor iets minder, van de hand te zetten; sijn Edele differente keeren met de kooplieden in gesprek was geweest, om was het mogelijk; deselve te persuadeeren, om de geheele n gouverneur heft dekoeliden saken quantiteijt, soo poeder als Candij suij„ „ker, met de verdere aan handen sijnde Coopmanschappen, tegens zekere„ gefixeerde prijsen eensklaps aante„ „slaan, om dus de pakhuijsen op een 0.
English
would bring to them; the merchants prefer to stay with the old custom and pay a little more. Tuesday the 20th of November Anno 1770. in order once to get empty of those large remaining stocks, that to animate them the more to such an undertaking, His Honour had left it to their choice even to set a price of 5, 6, 7 to 48 or more and promised them all convenience in the delivery ropias per Candijl upon the sugar; and that furthermore in the delivery, as otherwise, all convenience would be afforded to them that they could possibly desire; but that all persuasions and representations had found no acceptance with those people, they wishing, but primarily the Jew and Company's merchant Ezechiel Ahabbij, whom His Honour had first of all consulted on this matter and subsequently had caused to be urged many times, rather to abide by the old custom of paying for the merchandise when they had it fetched. 109 Tuesday The 20th of November 1770. The Governor replies to them that the old custom is no way to conduct business. fetched and had sold it to the bombadas or other boatmen, and if they were now also allowed that liberty, they would then also rather pay somewhat more for that sugar and other merchandise above a fixed price that could be determined; that although His Honour had countered them on this that this was not the style of a merchant, and that in such a case anyone could pass for a merchant, that a merchant who wished to gain something must also risk something, and that only such a person deserved the name of a true merchant; that all the less risk lay in entering into a contract in proportion as the proposed conditions were favourable to them; this had likewise been fruitless, so that The Governor made a further attempt, entered into an agreement with four merchants to fetch all the merchandise. Tuesday the 20th of November 1770. it appeared that the objective of getting the warehouses empty could not be achieved; That His Honour, however, not being able to see fit to abandon the same entirely, had made a final attempt this morning, with the success that four merchants, namely the Banyans Callaga Porboe, Gennesa Chettij, Antachettij, and the Jew Daniel Cohen (neither the merchant Ezechiel nor his son David, who were also summoned, having appeared at all) had entered into an agreement with His Honour to fetch all the merchandise presently in stock successively from the warehouses, at such prices as His Honour was able to negotiate with them, and as is specifically demonstrated below. 111 Tuesday the 20th of November Anno 1770. Specification of the agreed prices. To fetch all the sugar from the warehouses by August. Memorandum of the purchase and sale prices of the undermentioned merchandise resting in the Company's warehouses under today's date, namely: Purchase prices Present sale prices Profit in money and percents Per 100 pounds - - - 2.0. 11. 28. 30. 8. 19. 41 1/4 R=m 41 3/4. Money Rop=t 407. 5. 2 / 578. 12 / 17. 2. The 20th of November Anno 1770. / signed / Cochij / D: Kellij. Per 500 lb: at 46: —. powdered sugar - - - - - Roas. 6. 3. 9 12. 3. 9. 52 1/8 C:s " d=o " " 77. 30 sugar candy . - - - " 10. 26. 15. 30. 5. 4. 48 1/2 d=m " " . . " " 1400: —. vermilion . . . . . . . " 182:58. 200. - 97. 2. 53. -. " " " " " 1125. —. quicksilver . . . . . . . " 174. 6. 225. —. 50. 54. 29 1/4. " " " " 100: —. steel . . . . . . . . . . " 14. 6. 20. —. 5. 54. 41. 78 s:s " " " 142. 30. [illegible] With this condition, however, that since they, the merchants, cannot positively bind themselves to fetch all the powdered and candy sugar from the warehouses before the end of August, Merchants will not bind themselves, for which they nevertheless promise in good faith to do their utmost, Tuesday the 20th of November Anno 1770. must take effect in December. To be paid at the closing of the books. The members confirm the agreed conditions and accept the offer of the merchants. a further respite until at the latest the end of November or mid-December would be granted to them to fetch what would then still remain; that they furthermore also undertake and promise to see to it that the amount for the merchandise that shall be fetched before the end of August will be paid into the Company's treasury at the closing of the books and even earlier; His Honour putting it to the vote whether the members can confirm that agreement; Which having been deliberated and taken into consideration that the powdered sugar, both the oldest and the latest consignment, will still yield fully 52 percent and the remaining 113 Tuesday the 20th of November Anno 1770. The merchants appear in the meeting and promise to fulfill the conditions. merchandise will likewise yield an acceptable advance pro rata; that if the incoming Batavia ship should perchance bring a significant quantity of sugar, the price thereof would certainly fall again, and one would thus be stuck anew with the old remainders, instead of being able to get rid of them now and consequently clear the warehouses once and for all; it was unanimously approved and agreed to accept the aforementioned offer as it stands and to strike the bargain. Subsequently, the aforesaid four merchants having been called into the meeting hall, and the aforesaid conditions having been clearly presented to them once more by the Governor, they
Dutch transcription
te zullen toebrengen de kooplieden willen liever bij het oud gebruik blijven en wat meer betalen„ Dingsdag den 20. 9ber: Ao 1770. denmaal van die groote Restanten ledig te krijgen, dat om deselve te meer, tot zodanigen onderneeming te annimeeren, zijn Edele in hunne keuse gelaaten had, om zelfs een prijs van 5: 6: 7: a 48: of meerder en hen belofd all gemak in de afleveringe ropias, oper Candijl op de zuijker te stellen; en dat men wijders deselve in het afleveren, als andersints, alle gemakkelijkheijd soude toebrengen; diese maar begeeren konde; dog dat alle persuasiven en vertoogen, bij die lieden geen ingang hadden. gevonden, willende zij dog voorna„ „mentlijk, den Jood en 'sCompagnies koopman Ezechiel Ahabbij die zijn Edele 't eerst van allen daar over hadde onderhouden, en nader„ hand nog menigmaal aanmaanen laaten, liever bij het oude gebruik blijven, om de koopmanschappen te betaalen, wanneerse die lieten anier afhaalen 109 Dingsdag Den 20. November 1770. alle in gouverneur voegt hun toe dat de oude paen in rigtelon afhaalen, en aan de bombadas, of andere barquiers verkogt hadden, en als men hen, nu ook die vrij„ „heijt liet, zij als dan ook lievers iets meer voor die zuijker en ande„ „re Coopmanschappen betaalen wilden, boven een vaste prijs, die men soude bepaalen kunnen; dat schoon zijn naer gen tijl van een koopman va Edele hen hier op hadde te gemoed gevoerd, dat dit geen stijl van een koopman was, en dat in zoodanigen geval, een ieder voor koopman agee„ „ken konde, dat een koopman die iets gewinnen wilde, ook iets waagen moest, en dat zoodanig een, als dan maar eerst den naam van een Regtschapen koopman verdiende„ dat ter te minder risico stak, in het aangaan van een Contract, na maatte de voorgeslaagene Condities, 1a voor hen favorabel waaren; sulks almeede vrugteloos was geweest, in den gouverneur heeft en nader porgjing gedaan met vier Coplieden en accoord aange„ gaan, om alle de Coopmanschappen afte= halen Dingsdag den 20: November 174. invoegen het scheen, dat het oogmerk om de pakhuijsen leedig te krijgen, niet zoude kunnen werden bereijkt; Dat zijn Edele egter niet hebbende kunnen goedvinden, om van het zelve geheel aftesien, deesen morgen eene laatste pooging had in het werk gesteld, met dat succes dat vier kooplieden namentlijk de benjaanen Callaga Porboe, Gen„ nesa Chettij, Antachettij en den Jood Daniel Cohen /:zijnde den koopman Ezechiel, nog desselfs zoon David, die meede ontbooden waaren„ in 't geheel niet verscheenen:/ met zijn Edele een accoord aangegaan hadden, om alle de thans in voorraad zijnde koopmanschappen, successive uijt de Pakhuijsen af„ tehaalen, tegen zoodanige prijsen, als zijn Edele met deselve heeft kunnen bedingen, en hier onder spe koop van ak 111 Dingsdag Den 20. 9ber: A:o 1770. specificatie van de bedonge prijten van Augustus, alle de zuijker uijt de akhuijsen tehalen specificq werd aangetoond. Memorie van de Jn-en verkoops prijsen, van de onderstaande koopmanschappen, die onder heedigen datum in 'sCompagnies pakhuijsen be„ „rustende zijn, namentlijk Jnkoops presente winst prijsen verkoops prijsen gelde en prc=tos De 100: ponden - - - „ 2.0. 11. 28. 30. 8. 19. 41¼. R=m 41¾. Geld Rop=t 407. 5. 2/ 578. 12 /„ 17. 2. den 20. November Anno 1770. /was Cochim/ getekend / D: Kellij. d' 500: lb: d as 46: —. suijker poeder - - - - - Roas. 6. 3. 912. 3. 9. 52 1/8. C:s „ d=o „ „ 77. 30 suijker Candij. . - - - „ 10. 26. 15. 30. 5. 4. 48. ½. d=m „ „. . „ „ 1400: —. vermiljoen. . . . . . . „ 182:58. 200. - 97. 2. 53. -. „ „ „ „ „ 1125. —. quiksilver. . . . . . . „ 174. 6. 225. —. 50. 54. 29. ¼. „ „ „ „ 100: —. Staal. . . . . . . . . . „ 14. 6. 20. —. 5. 54. 41. 78. s:s Met deese Conditie nogthans„ dat vermits, zij kooplieden sig met posetief kunnen verbinden, om alle de poeder en Candij zuijker voor kopliden willen zijg niet verbinden ultimo Augustus, uijt de pakhuijsen o„ aftehaalen, waar toe zij egter „ „ „ 142. 30. Ghin ter . . ƒ Dingsdag den 20. 9ber: A:o 1770. December moeten effect sorteeren met het sluijten der boeken voldaan wersen deleeden Confirmeeren zig met de be„ dange Conditien, en accepteeren het bad der koopliesen ten goeder trouwe belooven, hun uijtterste best te sullen doen, hun een verder respijt tot uijtter„ doog zalen zal onder ulting November of lijk ultimo November, of halv december soude werden verleend; om het als dan nog resteerende, insgelijks aftehaalen, dat se wijders ook aanneemen, en belooven sorg te draagen, dat het bedraagen van de koopmanschappen; die voor ultimo augustus sullen werden de afgehgalde koopmanschappen zillen afgehaald, met het sluijten der boeken en selfs eerder in 'sComp„s Cassa voldaan werd; leggende zijn Edele in omvraage, of de leden zig met dat accoord kunnen Con„ „firmeeren; Waar over gedelibereert en in aanmerking genomen zijnde, dat de poeders zuijker so wel den oudsten als laatsten aanbreng, nog al 52. percent ruijm en de overige 113 Dingsdag den 20:e 9brer: A:o 1740 de kooplieden verschijnen in de verga= deringe en beloven de Condities na= tekomen overige koopmanschappen meede pas Rato aanneemelijk ad van cen afwerpen zullen, dat als het aan„ „komende Bataviasche schip, somtijds eene naamwaardige quantiteijt zuij„ „ker aanbrengen mogte, dan de prijs daar van zeekerlijk weder soude daalen, en dat men dus, met de oude Restanten, op 't nieuw zoude moeten blijven overzitten, in steede dat men deselve nu quijt raaken„ en bijgevolg de pakhuijsen eens zuijveren konde; zoo wierd met eenpaarige stemmen Goedgevonden en verstaan, het voormelde bod te accepteeren, zoo als het legt, en den koop toe te slaan. Vervolgens de voorschreeven Vier kooplieden in de vergader zaal geroepen, en hun door den heer Gouver„ „neur de voorschreeven Condities nog„ „maals duijdelijk voorgehouden sijnde, soo
English
arrival of the ship Zeekerlust from Batavia Tuesday the 20th November Anno 1770. so they promised under a handshake faithfully to comply with the same; whereupon rosewater and betel nut were presented to them according to the custom of the land, and thus this meeting was brought to a close. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Malabar, in the city of Cochin, on the day, month, and year aforesaid. Signed: C. S. Senff, D. Kellij, Mich. Araeken, R. v. Plaan, Is. L. van Spall, Saffin, Schutt, and C. G. Seijffer. Wednesday the 21st November 1770. In the forenoon at nine o'clock. All present, except the Honorable Major Medeler due to indisposition. At the beginning of this meeting, the Governor stated that the ship Zeekerlust, destined for this Commandery, Wednesday the 21st November 1770. General Rescript arrived safely this morning early here in the roads, and with it was also received a packet from Their High Mightinesses, addressed to this ministry, to which end His Honour had expressly convened the members to open it and take reading thereof; whereupon, the same being opened, it was found to contain Their High Mightinesses' much-esteemed General, both public and secret, Rescript for this Commandery, dated the 25th of September last, with all such enclosures as are recorded in the register; and a reading having been taken of both, it was resolved that the orders contained therein should serve for guidance, and further business thereon is postponed until a subsequent meeting. Recommendation to the Chief Administrator Wednesday the 21st November 1770. And whereas Their High Mightinesses, in the aforementioned General Missive, order that the aforesaid vessel Zeekerlust be dispatched back again within 30 days; to discharge the ship expeditiously, the Honorable Chief Administrator was recommended by His Honour to make all possible haste with the unloading and loading of that vessel, in order to be able to comply strictly with the order of Their aforementioned High Mightinesses. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Malabar, in the city of Cochin, on the day, month, and year aforesaid. Signed: C. L. Senff, D. Kellij, P. W. Abedalen, R. v. Harn, J. L. v. Spael, C. Saffen, A. R. Schutt, and C. G. Seijsfer. Friday the 30th November Anno 1770. What occurred with the King of Cochin. His Honour supposed that that prince would enter into negotiations regarding the settlement of the disputes. In the morning at nine o'clock. All present. The prayer having been said and everyone seated, the Governor opened this meeting with a short narrative concerning what occurred with the King of Cochin, approximately in the following words: After, as appears from what is noted in the Resolution of the 10th of October last, the leasing of the dues upon and along Mattancherry, the Canarese bazaar, and the toddy tappings was concluded, and the King of Cochin was informed thereof by an ola, I firmly supposed that this prince would nevertheless Friday the 30th November Anno 1770. now find himself obliged to come into the city and enter into negotiations regarding the settlement of the disputes. But quite the contrary happened; for, having first sent his crown prince to the crown prince of Travancore to complain about me, as if I, on my own authority and without the knowledge of my Council, were committing the greatest injustice against him, and setting the word of a Canarese above that of himself, he not only wrote to all the Council members individually, but also to the chief and under-interpreter, the chiefs of the indigenous Christians, the foremost Jews, etc., olas which had those same complaints and manifold insinuations for their Friday the 30th November Anno 1770. Yet His Highness betakes himself to the King of Travancore to complain about the Governor. His Honour sends the Cranganore Resident Lucasz thither as well, subject. And when only a few of these were accepted and still fewer answered, he betook himself in person to the King of Travancore. I, having been informed of this, believed I ought not to fail likewise to send someone thither who could answer the complaints of the King of Cochin and, if necessary, give a full account of the true state of affairs. I therefore chose for this the Resident Lucasz of Cranganore, as a person who possesses the requisite knowledge and ability thereto. And having given him the necessary instruction, with orders not to complain of his own accord, but only to inform the King of Travancore and writes an ola to Travancore. The Governor receives an ola from that prince. The same demands the contracts and other proofs. Friday the 30th November 1770. Travancore if he should make inquiries; I at the same time wrote a letter to the King of Travancore, which had only this question for its subject: whether it was true that the Paliath Achan, according to his claim, stood under the special protection of the King, or not. Yet this Lucasz had scarcely departed when I already received a letter from the King of Travancore, in which he gave notice of the arrival of the King of Cochin, and requested me to elucidate him regarding the arisen disputes by means of his emissary, the Sarvadhikariakar Kumara Pilla. This was done, but instead of obtaining a proper answer thereto, the King demanded of me in an imperious manner
Dutch transcription
arrivement van het schip laterlust van Batavia Dingsdag den 20:e 9ber: A:o 170. zoo beloofden sij onder handtasting, deselve getrouwelijk te sullen nakoomen; waar op aan hun naar slands wijse Roosewaater en Pienang gepresenteerd, en dus deese vergadering g'eijndigt, wierd. Aldus Gedaan, Geresolveert en gearresteerd, JJn Raede van Mallabaar, ter Steede Cochim, ten daege, maand en Jaere voormeld, /was / getekend:/ C: S. Senff, d: Kellij„ Muh: Araeken, R: v: plaan, Is: L: van Spall. Saffin Schutt en C. G. Seijffer 6 Woensdag den 21. 9ber 1710. 'svoormiddags te negen uuren Alle Present Dempto D' E. Majoor Medeler door Jndispositie. sen aanvang deeser bij eenkomst zeijde den heer Gouverneur, dat het schip zeekerlust, voor dit Commande„ „ment A. R. 115 Woensdag Den 21:e November 1770. nerale reschiptie ment gedestineert, deese morgen vroeg hier ter Rheede behouden is g'arriveert, en daar meede ook ontvan„ „gen een paquet van Haar hoog Edelheedens, aan dit ministerie ge„ „rigt, ten welken eijnde, sijn Edele de leeden Expresse had laaten bij een„ „komen, om het zelve te openen en lectura te nemen, waar op het selve geopent sijnde, wierd bevonden ontrangt van har hog deladens gen het selve te beheesen, hoog derselver veel g'Eerde Generaele soo gemeen als secreete Rescriptie voor dit Com„ „mandement, Gedateert 25. september Jongst leeden, met alle zoodanige bij laagen, als op het Register vermelt staan, en van welk een en ander lectura genomen zijnde, wierd be„ verlooten, de ordres daar bij vervat, te laaten strekken tot narigt, en relesijne daarover word uijtgestelt wijders de besoigne uijtgesteld. tot eene nadere vergadering. recommandatie aan den hoofd adminis Woensdag den 21:e November 1710. En dewijl haar hoog Edel„ „heedens bij gemelde Generaele mis„ „sive gelasten, om voorschreeven bodem Leekerlust, binnen de 30. Etmaalen, wederom te rug te depecheeren; zoo strateur, om het schip spoedig te lossen wierd den E. hoofd administrateur door sijn Edele gerecommandeert, met de hee de ontlossing en lading van dien Co bodem alle mogelijke spoed te doen maaken; om aan welmelte haar hoog Edelheedens ordre, stiptelijk te kunnen voldoen; Geresolveert en Aldus Gedaan, g'arresteerd in Raede van malla „baar ter steede Cochim ten daege maand en Jaare voormeld (was getekend:/ C. L. Senff, D: Kellij p: W: Abedalen, R: v: Harn, J. L. v: Spael, C. Saffen A. R. Schutt, en C. G. Seijsfer Vrijdag 117 Vrijdag den 30 9ber: hett vooegevallene met den koning aan Cochim zijn Edele vermeinde dat dien vorst over de af„ doening der verschillen in onderhandeling zoude treeden Anno 17470. smorgens ten Negen uuren, Alle Present. Het Gebed Gedaan en een beher gouverneur dod invergal wegen ieder geseeten sijnde, op ende de heer Gouverneur deese bij eenkomste door een kort verhaal, wegens het voorgevallene met den koning van Cochim, omtrend in de volgende bewoording: Na dat blijkens het aangeteekende ter Resolutie van den 10. october laastleeden de verpagting der geregtigheeden: op en lang Mat„ „tancherij, de Canarijns bazaar en de saggadinjes, volbragt; en den koning van Cochim bij eene ola daar van kennis gegeeven was, vermeende ik vast, dat deese vorst, zig evenwel alla den Vrijdag 30 9ber: A:o 1770. bevenwel nu verpligt zoude vin„ „den, in de stad tekomen, en over de afdoening der verschillen, in onderhandeling te treeden. maar net het teegendeel gebeurde want eerst zijnen kooonprins, nae den kroonprins van Jrevan Coor gesonden hebbende, om over mij te klaagen, als of ik op mijn eijgen houtje en buijten voor„ „kennis van mijnen Raad, de grootste onregtvaardigheid tegens hem pleegde, en het woord van een Cannarijn, boven dat van hem stelde, zo schreef hij niet alleen, aan alle de Raads leeden afzonderlijk, maar ook aan den opper en ondertolk, de hoofden der Jnlandsche Christenen, de voornaemste Jooden ensz:, olas; de„ welke die zelfde klagten en veelderhande duijgementen tot onder va 240 Le zijn 119 Vrijdag Den 30. 9ber: A o 170 dog zijn ho:t begeft zij tot den koning van Chevanooor om over de heer gouverneur te klaagen zijn Edele zens den Crangenoor/ Resident Lucasz: mede deswaart onderwerp hadden:/ En wanneer daar van maar wijnige geac„ „cepteerd en nog minder beant„ woord wierden, zo begaf hij zig selfs, in persoon naar den koning Jk hier van van Joevan Coor. onderrigt zijnde, vermeende, niet te moogen nalaaten insgelijks iemand derwaarts te zenden, die de klagten des konings van Cochim beantwoorden, en van de waare geschapendheijd der zaeken des noods, een volleedig berigt geeven konde. Dus verkoos ik hier toe, den Resident Lucast. van Cranganoor, als een persoon die de verEyschte kundigheijd en bekwaamheijd daar toe besit: En hem de noodige onderrigting ge„ „geeven hebbende, met ordre, om uijt sig selven niet te klaagen, maar eenelijk den koning van Jacran Coor en schrijft een ola aan Trevancoor de Heer gouverneur ontvangt een ola van dien vorst denselven eischt de Contracten en ande„ re bewijsen Vrijdag Den 30: November 1770. Juekancoor, als hij vraagen mogte te onderregten: zo schreef ik teffens Een briev aan den koning van Jaevan„ „coor, dewelke eenelijk deese vraage tot onderwerp hadde: of het waar was, dat de Palietter volgens zijn voorgeeven, onder de speciale Protecta des konings stond, dan niets. Dog deese Lucasz: was nauwlijks ver„ „trokken, of ik ontfing bereets een schrijvens, van den koning van Jae„ „vancoor, waar bij hij van de aan„ „komst des konings van Cochim ken„ „nis Gaf, en mij versogte hem door middel van zijnen afsendeling, den sarwadicariaCaren Coemara pola, wegens de ontstaane ver„ „schillen, te willen elucideeren. Dit geschiede, maar in steede van daer op een behoorlijk antwoord te erlangen, zo Eijschte de koning op eene gebiedende wijse van mij
English
121 Friday the 30th of November 1770. yet was declined. Trevancore wishes to act as judge in the matter. me, the contracts and other proofs to verify my statements. I at first declined this in a polite manner, under the pretext that I could not engage further in this matter, since knowledge thereof had already been given to Their High Excellencies in Batavia, and it was therefore no more than fair to await their pleasure concerning it. But he, having renewed his demand and at the same time sent some questionnaires to be answered by me, I declared outright that it was entirely unbecoming for the King of Travancore to act as judge in differences arisen between the Honorable Company and the King of Cochin; at least that I could not recognize him in that capacity; that he had also done very ill The Cochin king returns back from Travancore and receives from that prince 1500 men on loan. The 30th of November 1770. Friday. to take in the King of Cochin with his complaints; and that for that reason I would even be forced not to recognize the King of Cochin as king, nor to enter into any manner of negotiation with him, as long as he had not returned to his own kingdom. And this indeed had the effect that the King of Cochin was sent back to his own country, but it appeared nevertheless at the same time that the King of Travancore felt offended. For my last letter remained unanswered, the envoy was recalled, and the King of Cochin received 1500 men on loan, which made him so bold that he not only had a stockade erected at Angecaimaal, the principal inland marketplace from where almost all 123 Friday the 30th of November 1770. The behind puts up a stockade and makes threats. provisions must enter the city, but also expressly summoned the Lieutenant of the Christians to him to make known to me: that he was assembling his people at Angecaimaal, Waloerti, and Baijpien (those places through which the city can be enclosed, as it were); that when this had happened, he would again have tobacco sold at Mattancherry and the Canarese Bazaar, and that if any harm was then done to those sellers, he would oppose it by force. I meanwhile kept quiet without making the slightest move, and to that insolent message I gave no other answer than that the King could do as he pleased. But taking into consideration Friday the 30th of November in the year 1770. The Governor has two flags planted. that, although I had claimed a certain district for the limits of the city's territory, I had nevertheless not yet determined any distance thereof, much less erected any mark in proof of the Honorable Company's rights, I immediately had two flags planted at the two principal entrances to the city, with watch-houses for seven lascars, namely one near the great church at Mattancherry, and the other behind the pagoda of the Canarese Bazaar. I also gave a certain old merchant of the Honorable Company, named Calliga Porboe, who had been ruined by the Paliet at the complaints of the Jew Ezechiel, and who has even been threatened with death since he addressed himself to me, eight 125 The 30th of November in the year 1770. Friday. His Honor gave eight lascars to Calliga Porboe for protection. A Paliet attacks with 300 Nayars the house of the said Calliga Porboe. eight lascars as a mark of protection. And now I thought I could quietly await what the King of Cochin might further undertake, imagining that he would at least respect the flags and would commit no violence within their district on the territory of the Honorable Company. But the contrary has nevertheless occurred: for yesterday night, at around two o'clock in the morning, the Paliet, with a band of 300 armed Nayars, came by detours to the house of the aforementioned Calliga Porboe, and not only broke open the same by force, but also plundered it of everything, and moreover, six persons of his family, among whom his wife and children, The persons are carried away as prisoners and a Canarese is shot dead, etc. The case was investigated by a judicial commission. while he himself had escaped in a miraculous manner, he had dragged away as prisoners, after a defenseless Canarese was cut down dead on the spot, and two lascars were mortally wounded. I, receiving news of this, could do nothing during the night. But in the morning I immediately sent the Fiscal thither with two judicial members, under the escort of 24 Buginese, to investigate the occurrence. And having obtained from them a written report of their findings, I not only produce the same herewith for reading and insertion, but I also request the Council to take this incident and the whole context of the matter into serious consideration, and to serve me The 30th of November in the year 1770. Friday. 127 Friday the 30th of November 1770. with their advice as to what, according to their opinion, ought now further to be done. To the Honorable, Respected Sir, Christiaan Lodewijk Senff, Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara, and Wingurla, etc. Honorable, Respected, Rulers' Sir! In compliance with Your Honorable Respected's much esteemed order, the undersigned judicial members, in the presence of the merchant and fiscal Reijnier van Haan, and assisted by the Secretary of Justice Johan Andries Daijmichen, as well as by the
Dutch transcription
121 Vrijdag Den 30. November 1770. dog werd van de hand geweesen Tunangoor wil als rogter ageeren in de zaak mij, de Contracten en andere bewijsen, om mijn gesegde te ferifieeren. Ik wees dit in 't eerst op eene beleefde wijse van de hand, onder voorgeven, dat ik mij in deese saek niet verder in laaten konde, vermits daar van bereets, Aan Haar Hoog Edelheedens te Batavia kennis gegeeven, en het dus niet meer als billijk was, derselver goedvinden dierweegens aftewagten. Dog hij zijnen Eijsch vernieuwt, en teffens eenige vraag„ „pointen gesonden hebbende, om door mij beantwoord te werden, zo ver„ „klaerde ik Rond uijt; Dat het den koning van grevancoor gantsch niet betaamde, als Regter te ageeren, in verschillen tusschen d' EComp: en den koning van Cochim ont„ „staan; ten minsten, dat ik hem in die hoedanigheid niet erkennen konde; dat hij ook zeer qualijk hadde den koohimnser keert van trevancoor wederom terug en krijgt van dien vorst 1509: man ter leen Den 30. November 1770. Vrijdag hadde gedaan, den koning van Cochim met zijne klagten aanteneemen; en dat ik uijt dien hoofde zelfs genoodsaakt zoude sijn, den koning van Cochim niet als koning te erkennen, nog met hem in Eeni„ „gerhande onderhandeling te treeden, zo lange hij niet in zijn eijgen Rijk te rug gekeert was. En dit hadde wel de uijtwerking, dat de koning van Cochim, naar zijn eijgen lands te rug gesonden wierd, maar het bleek egter teffens, dat de koning van Jrevancoor zig geraakt vond. want mijn laatste brief bleef onbeantwoord, de afsendeling wierd te rug geroepen, en de koning van Cochim kreeq 1500: man ter leen, het gunt hem zoo stout maakte, dat hij niet alleen op Angecaij„ maal, de voornaemste binnenland„ „sche marktplaats, van waar meest alle 1 de 123 Vrijdag Den 30. 9ber: 1770. den be hinder laat een pagger zetten en doet drijgementen„ alle provisien in de stad moeten komen, Eenen pagger liet zetten, maar ook den Lieutenant der Christenen expres bij zig ontbood, om mij bekent te maaken: Dat hij zijn volk op Angecaijmael, Waloertij en Baijpien /: die plaetsen waar door de stad als ingeslooten kan werden:/ bij een liet komen, dat als dit geschied zijnde, hij weder op mattancherij en de Cannarijnse Basaar tabacq zoude verkoopen laaten, en dat als die verkoopers, dan eenig leed wierd aangedaan, hij sig met geweld daar tegen aankanten soude; jk hield mij ondertusschen stil; sonder de minste beweeging te maaken, en zelfs gaf ik op die stoute boodschap geen ander antwoord, dan dat de koning doen konde wat hem behaagde. maar in aanmerking neemende Drijdag den 30. 9ber: Ao 1770. de Haer gouverneur laat twe vlaggen planten. neemende dat ik wel een seker district voor de limieten van het grond Gebied der stad Gevordert, maar egter, nog geene distantie daar van bepaald, veel min tot bewijs van 's ECompagnies Regt, eenig teeken gesteld hadde, so liet ik ten eersten op de twee voor„ „naemste toegangen naar de stad, twee vlaggen planten, met wagthuijsjes voor seven las„ „korijns, teweeten, Een bij de groote kerk op Mattancherij, en het ander agter de pagood van de Cannarijnse basaar, ook Gaf ik zeeker oud koopman van de ECompagnie Calliga Porboe genaamt, die op de klagten van den Jood Ezechiel door den paljetta geruineert, en 'tsedert hij sig aan mij geaddresseert heeft, zelfs met de dood gedreijgt is geworden, agt 125 Den 30. 9ber: A:o 1770 Vrijdag zijn Elle gaft agt lascorijns aan Callija porboe tot protectie. Een paliotter valt met 300: nairos in 't huis van gem:e Callaga por„ hoe Agt laskorijns tot een teeken van protectie En nu vermeende ik gerust te kunnen afwagten, wat de koning van Cochim verder in het werk stellen mogte, mij ver„ „beeldende, dat hij ten minsten de vlaggen ontsien, en binnen der„ „selver district op het Grond gebied van d' ECompagnie geen geweld pleegen zoude. maar het teegen„ „deel heeft egter plaats gehad: want gisteren nagt, des morgens ons„ „trend twee uuren, is de Palietter met een hoop van 300: gewapende Naijros, door omweegen aan het huijs van voormelde Calliga poaboe gekomen, en heeft het selve niet alleen met geweld opengebrooken, maar ook van alles beroeft, en boven dien, ses persoonen van desselfs familie, waar onder zijne vrouw en kinderen, ter tta des persoonen werden gevankelijk weggevoert on een kannarijn dood geschooten enz: 't geval wierd door een Justitieele Commissie ondersogt terwijl hij selfs op eene wonder„ daadige wijse het ontvlugt was, gevangelijk meede sleepen laaten, na dat een weerloos Cannarijn, op de plaats dood gekapt, en twee Laskorijns, doodelijk gequest waren jk hier van tijding krijgende; konde des nagts niets uijtvoeren. maar des morgens, sond ik ten eersten den fiskaal met twee Justitieele leeden, onder dekking van 24. bougineesen derwaarts, om na het gebeurde ondersoek te doen. En van deese wegens hun„ „ne bevinding een schriftelijk berigt erlangt hebbende, zo produ „ceerde ik het zelve niet alleen bij deesen, ter lectura en Jnsertie maar ik versoek ook den Raed, dit voorval niet den gantschen t' samenhang der zaeke, in ernstige overweeging te neemen, en mij Den 30. 9ber: A:o 1770. Vrijdag niet 127 Vrijdag Den 30. 9ber: 1770. datie van 't buigt met hun advijs te dienen wat volgens hun gevoelen nu verder diend gedaan te werden. Aan den wel Edele Agtb: Heer Christiaan Lodewijk Senfe Gouverneur en directeur der kuste mallabaar Canara en Winquala entz: Wel Edele, Agtbaare, welgebiedende Heere! Jn opvolging van uwel Edele Agtbaaren veel g'eerde orde, hebben de ondergetekende Justitieele leeden, ten bijweesen van den koopman en fiskaal Reijnier van Haan, en ge„ assisteerd door den secretaris der Justitie Johan Andries daij„ „michen; mitsgaders, van den op
English
Friday The 30. 9ber: A:o 1770 chief surgeon of the Company's hospital Louis Quintin Martinsaat, and assistant interpreter Barend Bles, escorted by a detachment of 24. eastern soldiers, repaired to the Canarese bazaar, and inquired after the hostilities committed there this past night by the Cochin Nairs, and recorded all damage and mischief which they caused there; which hostilities were committed solely against the house, goods, family, and servants of the Canarese merchant Calliga Porboe, at whose house, according to the account of his son Chorda Porboe, this past night at one o'clock, about 200: armed Nairs of the Paliath Achan arrived, fired upon the ten Company's Lascars who were on guard there, wounded two of them, and took away the remaining eight flintlocks and four cutlasses, of which confiscated weapons one flintlock belonged to him, Calga Porboe, and the others to the Hon. Company. That the said Nairs came from behind or from the west through the paddy fields, and chopped a servant of his, Calga, who was keeping guard on that side, namely, the Canarese Narsoe, and inflicted six wounds, from which he immediately lay dead on the spot; which killed Canarese we found there, inspected, and found to have six wounds. That the aforesaid Nairs broke open the house of Calga Porboe and chopped it with a chopping axe, which we still found there, and plundered the same, taking out of it everything they could find, and especially the following: 2000: Rupees and 1000: Rijksdaalders in Cochin fanams in cash 1. Gold woman's neck ornament weighs 250. pieces 1. [illegible] 300: pieces 2. gold armbands 200. pieces 2. gold rings 200: pieces 1. pair of gold bracelets of 6. corals each, in gold weight 100: [illegible] 200: pieces gold arm rings 320: pieces 3. pairs of women's ear ornaments 500: pieces 2. pairs of men's ear ornaments 100: pieces 1. string of pearls set in gold, in gold weight 100: pieces further in various ornaments, in gold weight 200: pieces 1. silver kendij weighing 80. Rupees 2. small silver leg rings 10. Rupees 1. silver censer 50. Rupees 1. pair of silver women's leg rings 30. Rupees 7. large yellow copper pots 2. large red copper pots 20. copper saucers 200: pieces of small copper ware of diverse use. Also a small chest with gold work and precious stones, belonging to the wife of Calga Porboe, in which were: 6. pairs of gold ear ornaments set with diamonds and ruby stones, costing about Rupees 800:—. 5. pieces of neck ornaments weighing 150. pagodas 150. pieces ducats 300. pieces Rupees 5000: pieces Cochin fanams 2. silver water bowls weighing 40. Rupees 2. silver leg rings weighing 40. Rupees belonging to the daughter of Calga Porboe, who had just arrived there yesterday and stayed the night, and had with her in gold work 1200: Cochin fanams weight, with two silver foot rings weighing 40. Rupees. That the said Nairs also emptied 4. chests with clothes, but left the chests standing, which were shown to us, in which had been: 8. small bundles with silk clothes and the other linen goods, and in one, daily clothes; that they also likewise broke open the pagoda standing next to the house of Calga Porboe and took out from it: 1. silver saucer weighing Rupees 80. 1 neck ornament of the idol weighing Rupees 100., and on which was also 5. Rupees weight in gold, 3. copper hanging lamps, 1. copper kendij, 14. pieces of stones for the use of the idol, and worth 50: each. That they also broke open the offering box of that pagoda, and took everything out of it, except for 2. gold Calicut fanams and 32. Cochin fanams, as well as 6. gold corals, which still lay there in the broken small chest and were shown to us. That upon the arrival and firing of those Nairs the entire household fled; Calga Porboe his son Chorda Porboe aforesaid, with another three children escaped, of whom, however, the one son of his, Calga, named Bittoela, was wounded in the ear. Yet that, on the other hand, are missing, and presumed taken away captive by the aforesaid Nairs: the wife of Calga Porboe, a son and a daughter of the same, as well as a son's wife and child, and also the child of his son Chorda Porboe, besides another servant of his, Marsinga. After committing these hostilities, the aforesaid Nairs withdrew and came in passing by the Lascars who keep guard at the Company's flag planted near the Canarese pagoda, from two of whom, who were standing sentry, while asking what they were doing there, they took away their two flintlocks, and departed with them. After these inquiries were made, we repaired to the Company's hospital, where the aforesaid wounded Company's Lascars had already been brought, being named Mingo and Diogo, the first wounded with a flintlock shot through the left thigh, and the other shot with such a weapon through the belly, and also through the arm; who declared that tonight they had guard duty at the house of the merchant Calga Porboe, where this night around one o'clock, certainly two hundred armed Nairs of the Paliath Achan had arrived from behind through the paddy fields; that the Canarese who lay at the back door thereupon raised a cry and called for help
Dutch transcription
Vrijdag Den 30. Gber: A:o 1770 opperchirurgijn van 'sComp=s hospitaal Louis Quintin Martinsaat, en ondertolk Barend Bles, ons onder escorte van detachement van 24. oostersche militairen vervoegt, na de Cannarijnse basaar, en ons g'informeert, na de vijandelijkhee„ „den door de Cochimse naijros„ deese nagt aldaar gepleegt, en opgenomen, alle schaade en on„ „heijlen, die deselve aldaar hebben veroorsaakt; welke vijandelijkheeden, gepleegd zijn aan het huijs, alleen goederen, familie, en dienaaren van den Cannarijns koopman Calliga porboe, aan wiens huijs, volgens het verhaal van desselfs soon Chorda Porboe, deese ver„ „gange nagt om een uur, om„ trend 200: gewapende naijros, van den paljetter sijn gekomen, op de aldaar 129 Den 30. 9ber: A:o 1770. Vrijdag aldaar de wagt hebbende thien 'sComp:s Lascorijns gevuurt, twee daar van gequest, en de overige agt snaphaa„ „nen en vier houwers hebben afge„ „nomen, van welke afgenomen wapens, een snaphaan hem Calgo Porboe, en de andere d'ECompagnie behooren. Dat de gemelte naijros van agteren of van het westen door de Nelij velden sijn gekomen, en een dienaar van hem Calga, die de wagt aan dien kant hield, nament„ „lijk, den Cannarijn Narsoe, hebben gekapt, en ses wonden toegebragt, waar door hij terstond dood ter plaatse is blijven leggen; welke gedoodde Cannarijn wij aldaar hebben gevonden, besigtigt en bevonden ses wonden te hebben. Dat de voorm: Naijros het huijs van Calga Poaboe hebben open Den 30. 9ber: A:o 1770. Vrijdag opengebrooken en gekapt met een kapbijl, dat wij aldaar nog hebben gevonden, en het zelve geplundert, alles daar uijt neemende, wat se kosten vinden, en wel voorna„ „mentlijk, het volgende 2000: Ropias en 1000: Rijxdaalders aan Cochimse fanums aan Contant 1. Goude vrouwe hals cieraed weegt 250. p:s 1 „ aring Janij. . . - - - - - „ 300: „ 1. 2. „ armbanden. . . . . . . . „ 200. „ 2. „ ringen. . . . . . . . „ 200: „ 1. paar Goude brassaals van 6. Coralen ider, aan goud swaar 100: - - . . . . . . „ 200: „ goude armringen. . . . . „ 320: „ „ „ vrouwe vorkrabben. - - „ 500: „ 3. „ 2. „ „ mans oorkrabben. . . . . „ 100: „ 1. „ snoerpaarlen in goud gevat„ aan goud swaarte. . . „ 100: „ nog aan vir-Cieraden aan goud swaar - - - - „ 200: „ 1. silvere 131 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 170 1. silver gindij swaar - - - - 80. Ro/as 2. „ been ringen kleene „. . . 10. „ 1. „ wierook vat - - - „ - - - 50. „ 1. paar silver vrouwe been ringen „ 30. „ 7. groote geele kopere potten 2. „ roode kopere potten 20. kopere pierings 200: stuks kleene koper werkjes van diverse gebruijk. Nog een kisje met goud werken en kdel gesteentens, behoorende aan de vrouw van Calga Porboe waar in geweest sijn. 6. paaren goude oorciersels met dia„ „manten en Robijn steenen beset, kostende omtrend ropias 800:—. 5. stuks halsciersels weegende 150. pagooden 150. p„s ducaten 300. „ Ropijen 5000: „ Cochimse fanums 2. „ water kommen. . „. . 40. „ 2. „ been ringen - „ 40. „ van Den 30. Vrijdag 9ber.: Ao 1730 van de dogter van Calgasorboe„ die juijst gisteren daar was ge„ „komen en 's nagts gebleeven, en aan goud werken bij zig heeft gehad 1200: ffanums Cochimse swaarte met twee silvere voet ringen 40. ropias swaar. Dat de gemelde nairos nog 4. kisten met kleederen leedig hebben gemaakt, dog de kisten laaten staan, welke ons zijn ver„ „toont, waar in geweest zijn, 8. kleene pakjes met zijde kleederen en het ander linnen goed, en in een, daglijkse kleederen, dat de„ „selve ook inselvoegen de pagood staande naast het huijs van Calga porboe hebben opgebrocken. en daar uijt genomen 1. silvere piering weegd Ripias 80. 1 hals Cieraad van den afgod Rep: 100. swaar, en waar aan ook aan goud is 133 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 170. is geweest 5. Ropias swaarte, 3. kopere hanglampen, 1. kopere Gindij 14. stuks steenen tot gebruijk van den afgod, en waardig ieder, top 50: Dat deselve ook de offerkas van die pagood hebben opengebroo„ „ken, en alles daar uijt genomen, be„ „halven 2. Goude Calicoetse fanums en 32. Cochimse fanums, mitsga„ „ders 6. goude Corallen, die daar nog in het verbrooken kisje lagen, en aan ons is vertoont. Dat op het aankomen en schieten dier naijros het geheele huijs„ „gesin aan het vlugten is gegaan; Calga Porboe zijn zoon Chorda Porboe voormeld, met nog drie kin„ „deren het ontkomen zijn, waar van egter de eene zoon van hem Calga„ in name Bittoela aan het oor is gekwest geraakt. dog Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 1770 Dog dat daar en tegen absent zijn, en na presumatie door de voorm: naijros Gevangelijk weg„ „gevoert, de vrouw van Calga Soabo een soon en een dogter van den„ „selven mitsgaders, een soons vrouw en kind, en ook het kind van sijn soon Chorda Porboe, nevens nog een dienaar van hem Mar„ singa; Na het uijtvoeren deeser vij„ „andelijkheeden, sijn de voorschreeven naijros afgetrokken en sijn als empassant gekomen bij de lascouijns die bij 'sCompagnies vlag, bij de Cannarijnse pagood geplant, de wagt hebben, van welke ze twee, die op schildwagt stonden, onder het vragen wat ze daar te doen hadden, hunne twee snaphaanen hebben afgenoo„ „men, en daar meede heen zijn gepaer Na 135 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 1710 Na deese genomen Jnforma„ „ties, hebben wij ons vervoegt binnen 'sCompagnies hospitaal, alwaar de voormelde gequetste 's Compagnies lascorijns bereets waren gebragt, zijnde genaemt mingo en Diogo, de Eerste ge„ „quest met een snaphaan schoot door de linker Dije, en den ander met een soodanig geweer door de buijk, en ook door aam geschooten, welke verklaarden, dat ze heden nagt de wagt gehad hebben, aan het huijs van den koopman Calga„ Porboe, daar deesen nagt omtrend een uur, wel twee hondert ge„ „wapende naijros van den Paljet„ „ter, waren gekomen; van agteren door de nelij velden, dat de Con„ „narijns die aan de agter deur lagen daar op een geschreuw hebben gemaakt, en om hulp geroepen
English
Friday the 30th of November Anno 1770. The true intention of the King of Cochin can no longer be doubted. shouted, that the wounded persons thereupon ran thither from the front door, and were then shot and wounded by the aforementioned nairs. Wherewith hoping to have properly accomplished our commission, and having the high honor to remain with profound respect, stood below: Honorable, Respected, and Ruling Lord! Your Honorable and Respected's humble and obedient servants, was signed: C. Saffin and C. G. Seyffer; lower: In the presence of me, signed: R. van Haan; yet lower, for the translation, signed: B. Bles, sworn translator; yet lower signed: J. A. Daymichen, Secretary; in the margin: Cochin the 29th of November Anno 1770. All members having heard everything, read the report, and having taken into consideration from it how little one can doubt the true intention of the King of Cochin, now that he has seen fit to commit such public violence against a merchant of the Honorable Company under the Dutch flag and the artillery of the city, and thereby formally, as it were, declare war, were initially of the opinion that one should immediately take reprisals, or at least put oneself in a position to be able to show him that one was not minded to endure such insults any further unavenged. But the Governor having suggested for further consideration whether it would not be best, for the present, to make no outward movement, but to sit still as before; and even carefully avoid everything on our part that could give occasion to any acts of force, in order to deprive the King of Travancore of the opportunity to interfere further in this matter, and even at times to declare himself positively for the King of Cochin, under the pretext of having to help the weaker party, the more so because it clearly appeared that he had taken ill the positive refusal to recognize him as judge; and one thus first had to try to soften his conceived displeasure through a further polite letter: it was unanimously resolved to conduct oneself according to this proposal, and for the security of the inhabitants to have the Canarese bazaar guarded by 50 lascars, but for the rest to avoid all outward movement, and only to demand satisfaction from the King of Cochin in a serious manner by the following ola, which was drafted on the spot by the Governor. Draft of an ola written by the Honorable and Respected Governor and Director, Christiaan Lodewijk Senff, to the King of Cochin, the 30th of November Anno 1770. Last night, a large troop of armed nairs appeared on the territory of this city, and committed acts of violence there, much worse and crueler than the bitterest enemy in an open war could commit in a hostile land. For the dwelling house with the pagoda of the Canarese Calliga Poaboe, one of the oldest and primary merchants of the Dutch Company, was broken open and plundered of all ready money, gold and silver works, idols, household goods, clothing, and other effects. Six persons of his family, among whom two women, were bound and dragged away. A helpless Canarese, who could not carry any weapons nor offer any resistance, was chopped to death on the spot. Two of the eight lascars who had been given to the said Calliga Poaboe as a sign of the Company's protection were mortally wounded, disarmed, and the weapons of all taken away. And even the Dutch flag was not left unviolated, as the few lascars who were stationed near it as guards were likewise attacked and several firearms stolen from their guardhouse. Two members of justice, in the presence of the Fiscal, investigated everything on the spot itself, and submitted a written report of their findings. And from this it is firmly and surely evident that the aforementioned does not only consist of pure truth, but it is also known from the testimony of several credible persons that all those atrocities were committed under the command and leadership of a confidant of the Paliath Achan. A few years ago, when the King of Travancore waged an open war, and when it was still in doubt how far the territory of this city actually extended, the peoples of that king nonetheless had so much respect for the Dutch flag that no harm was done to anyone within its compass. I have now placed the flag on that same spot where it stood at that time; I have moreover demonstrated with the most convincing proofs that the territory of the Honorable Company extends much further than that flag indicates; and nonetheless, within the limits thereof, yea under the artillery of the same, the most unheard-of robberies and murders were committed, not during a war, but in a time of rest and peace, nor by an enemy who has been insulted, but by a friend and ally of the Honorable Company, who has enjoyed the greatest benefits, and who by the most solemn treaties
Dutch transcription
Vrijdag Den 30. 9ber: Ao 1730 de waare intentie van den koning van Cochim kan nu niet meer in twijffel getrokken worden geroepen, dat ze gequetsten daar op van de voor-deur derwaarts zijn geloopen, en als toen door de nairos voorm, zijn geschooten en gequetst. Waar meede in hoope van onse Commissie na behooren te hebben volbragt, en de hooge eere Geven van met diepe Eerbied te blijven /:onderstond wel Edele Achtbare Welgebiedende Heere! uwel Edele Achtbaaren onderdanige en Gehoorsame dienaaren /:was getekend:/ C: Saffin en C G seijffer /:lager:/ Jen bijweesen van mij /:getekend/ R. v: Haan /Nog lager voor de vertaling /:getekend:/ B. Bles gesw: franslateur /nog lager getekend/ J. A: Daijmichen sec:s /:in margine/ Cochim den 29. November A:o 1770: De Gesamentlijke leeden alles aangehoort, het berigt geleesen en daar uijt in aanmerking genomen hebbende, hoe wijnig men de waare intentie van den 137 Drijdag den 30. 9ber: A. o 170. propositie om nag geene bewelging te maaken W den koning van Cochim in twijffel kan trekken, nu hij heeft kunnen goed„ „vinden, aan een koopman van de E. Compagnie onder de nederlandsche vlag en 't geschut van de stad, zulk een openbaar geweld te pleegen, en daar door, als formeel den oorlog te declaree„ „ren, waren in het eerst van gevoelen, dat men vorst repressaille neemen, of ten minsten sig in staat stellen moeste, hem te kunnen toonen dat men niet van meening was, dierge„ „lijken beleedigingen, verder ongewrooken te verdragen. Dog de heer Gouverneur nader in bedenking gegeeven hebbende, of het niet best zoude wesen, voor als nog, geene uijterlijke beweeging te maa„ „ken, maar gelijk bevoorens, stil te zitten; en zelfs alles, wat maar tot eenige daadelijkheijd aanleijding geeven konde, van onsen kant sorgvuldig te vermijden, ten eijnde, de koning van Grevan Coor een beleefd briefje zoude versagt zijn deselve werd g'amplecteert rijn bewaakt. de H:r gouverneur eischt tatisfactie bij ee„ ola van den Cochim der Vrijdag Den 30. November 1770. frevancoor de geleegentheijd te beneemen, van sig verder in deese zaeke te mengen, en sig selfs zomtijds positief voor den koning van Cochim te ver„ „klaaren, onder voorwendsel, van de swakste parthij te moeten helpen, te meer, alsoo het tog duijdelijk bleek, dat hij de positive wijgering, van hem als Regter te erkennen, qualijk genomen tot dat trewandoors misnoegen door hadde; en men dus, eerst tragten moeste, zijn opgevat misnoegen, door een nader beleefd briefje, te versogten: zo wierd met eenpaarige stemmen geresolveert, sig volgens dit voorstel te gedraagen, en tot securiteijt van de Jngeseetenen, de Canna„ de Cannadijnse bataas door lasco rijnse basaar wel door 50. lascorijns te laaten bewaaken, dog voor 't overige alle uijterlijke beweeging te vermijden, en van den koning van Cochim eenelijk„ op eene ernstige wijse satisfactie te vorderen, bij de volgende ola die door den heer gouverneur stande pede, in Compt 139 Vrijdag Den 30. November 1770. insertie van die ola Concept wierd gebragt. Concept ola door den wel„ Edele Achtbaaren heer Gouver„ „neur en Directeur, Christiaan Lodewijk Senff, Aan den koning van Cochim Geschreeven, den 30. November Ao 1770. Gisteren nagt, is op het grond gebied van deese stad, een groote Troup gewapende nairos verscheenen, en heeft daar geweldadigheeden gepleegt, veel slimmer en waeeder als de bitterste vijand, bij een openbaare oorlog, in een vijandig land, soude pleegen kunnen. want, het woonhuijs met de Pa„ „good van den Cannarijn Calliga Toaboe, Een der oudste en Eerste koop„ lieden van de nederlandse Comp:, is opengebrooken, en van alle Con„ tanten Den 30:e November 1770. Vijdag „tanten, goud en silver werken, beelden, huijsraad, kleederen en andere goederen berooft. ses Persoonen van zijne familie, waar onder twee vrouwens, zijn ge„ „bonden en weg gesleept. Een magteloose Cannarijn, die al„ „thoos geene wapens heeft voeren„ nog eenigen teegenstand bieden kunnen, is op de plaats dood gekapt. Twee van de Agt laskorijns; die aan gedagte Calliga Poaboe tot een teeken van 'sCompagnies pro„ „tectie gegeeven waaren, zijn doode„ „lijk gequest, ontwapent en de wa„ „penen van alle, meede genomen. En zelfs is de neederlandsche vlagge niet ongeschonden gelaa„ „ten, alsoo de wijnige lascorijns, die als wagters daar bij gesteld waaren, insgelijks overvallen en 141 rijdag Den 30. Geber: A:o 170 en uijt hun wagthuijsje eenige geweiren gerooft zijn. Twee leeden van Justitie, ten overstaan van den fiscaal, hebben op de plaats zelfs alles ondersogt, en van hunne bevinding, schrif„ „telijk raport gedaan. En hier uijt blijkt vast en zeker, dat het voormeldte, niet alleen in zuijvere waarheijd bestaat, maar 't is ook uijt het getuijgenis van verscheijde geloofwaardige men„ „schen bekent, dat alle die Gruwel„ „daaden onder Commando en aan„ „voering van een vertrouweling van den paljetter zijn gepleegt: voor wijnig Jaaren, toen de koning van Trevancoor, een open„ „baare oorlog voerde, en toen het nog in twijffel stond, hoe verre het Grond Gebied van deese stad sig Eijgentlijk uijtstrekte, hadden evenwel d Den 30. 9ber: A„o 170. evenwel de volkeren van dien ko„ „ning, so veel ontsag voor de neder„ „landsche vlagge, dat binnen derselver bestek niemand eenig leed geschiede. Jk heb thans de vlagge op die zelfde plaats gesteld, waar ze in die tijd heeft gestaan, jk heb boven dien, met de aller overtuijgenste bewijsen aangetoond, dat het grond gebied van de Edele Compagnie nog veel verder strekt, als die vlagge aanwijst; en evenwel werden bin„ „nen de limieten daar van, Ja onder 't geschut van deselve, de aller on„ „gehoordste Roverijen en moorden gepleegt, niet bij een oorlog, maer in den tijd van rust en vreede, ook niet door een vijand die be„ „leedigt is, maar door een vriend en bondgenoot van d' ECompagnie, die de Grootste weldaaden heeft genooten, en die bij die plegtigste Vrijdag tractaaten
English
143 The 30th of November Anno 1770 Friday [illegible] has declared fully that he had been driven out of his kingdom, but by the favor of the Honorable Company was restored to the throne, and that, on that account, he acknowledges and accepts the Honorable Company as his protector. And whereas the Honorable Company has thereby been attacked in a hostile manner, harmed in its possessions, injured in its privileges, and even insulted in its honor in the most outrageous manner, I therefore demand from Your Highness, in the name and on behalf of the Dutch Company, not only a satisfactory and public reparation, but I also desire, as a consequence thereof, that the aforementioned Caliga Poaboe, nor his children or family, be molested henceforth, the abducted persons be released unharmed, the dwelling house and the pagoda restored to their former state, and his stolen goods, as well as the firearms of the Honorable Company, be returned. I await a speedy and positive answer to this. Underneath stood: translated as such into Malabar by me, Cochin, date as above. Was signed: S: V: Jongeren, Sworn Translator. Subsequently, the Governor made his complaint about the poor maintenance of secrecy regarding matters, which seemed to occur not only in general, but also particularly in this assembly, because the King of Cochin and the Palietter knew everything that was done and spoken, indeed even what was written to and from Batavia, and that this made him fearful of frankly declaring his thoughts or making the necessary proposal regarding one or another undertaking of importance, the good success of which depended solely on strict secrecy. The first members thereupon declared, to their regret, that they were by no means ignorant of the truth of this complaint, as they had already heard spoken of and judged in public more than once matters whose disclosure, if not directly from the deliberations of this assembly, must at least flow from the careless and possibly even disloyal conduct of some of the secretarial clerks; that in order to prevent this, it would be best that the Governor henceforth give no prior disclosure of his intended plans, but proceed in that regard solely according to his own judgment and discretion; and as far as their advice was concerned, they relied so completely on His Honor's prudence and the knowledge acquired through long years of experience, that they, in so far as it was necessary, hereby gladly gave their prior consent to all that His Honor might do and omit with respect to the King of Cochin and other native rulers. And whereas the other members joined in this declaration, and the entire Council thus requested the Governor henceforth to take upon himself alone the care and management regarding the settlement of the currently pending disputes, under repeated assurance as before, this was accepted by His Honor, and it was at the same time understood to keep a record of this in these minutes. The ship Renswoude having arrived here in the roads on the 20th of the current month, with letters and a request from the Ceylon administration that this vessel, loaded with 600000 lb of pepper, might be sent back with the utmost speed, as it was projected for a return ship, and for that purpose still needed two new masts, the Governor informed the assembly that he found himself somewhat perplexed in this respect as to what proposal to make or what resolution to take, because the return of the ship Zeekerlust within the determined time of 30 days had likewise been most earnestly recommended by Their High Mightinesses; and yet it was utterly impossible, with the small number of open and slow unloading vessels at hand, to effectively carry out the unloading of two ships at the same time. The Council, having considered this matter and taken into account all that pertains thereto, was of the opinion that Renswoude could not be detained without placing the Ceylon administration in great perplexity and even exposing the Honorable Company to considerable damage, and that on that account one would indeed be compelled in this matter, in hopes of Their High Mightinesses' favorable interpretation, to deviate from positive orders, the more so because it was already practically impossible from now on to fully comply therewith, since, on account of the continuous rain and stiff northwest winds, one had not even been able to begin with the unloading of Zeekerlust. And whereas the Governor
Dutch transcription
143 Den 30. 9ber: A:o 1770 Vrijdag troclaaten volmondig verklaard heeft, dat hij uijt zijn rijk ver„ „dreeven is geweest, dog door gunste van d' E. Comp: op den troon her„ steld, en dat hij, uijt dien hoofde d' EComp:, voor zijn schutze heer er„ „kent en aanneemt. En dewijl d' Ecompagnie hier door op eene vijandige wijse aangetast, in haar besittingen beschaadigt, in haare voorregten benadeelt en in haar eere zelfs op de buijten„ „spoorigste wijse beleedigt is, soo eijsch ik uijt naam, en van we„ „gens de neederlandsche Compagnie van uw hoogheijd- niet alleen eene voldoende en openbaare satisfactie, maar ik begeer ook, als een Gevolg van dien, dat voornoemde Caliga of Poaboe, nog sijne kinderen familie, voortaan niet gemolesteert, de weggesleepte persoonen, onbe„ schaadigt 30. 9ber: A:o 1770. Den gchien houding Vrijdag „schaadigt los gelaaten, het woonhuis en de pagood en hun voorige staat hersteld, en de geroofde Goederen van hem, zoo wel als de geweiren van d' E: Compagnie weder terug gebragt mogen werden. Jk verwagt hier op een spoedig en posetief antwoord /:onderstond:/ zoodanig door mij in het malla„ „baars overgeset Cochim dato als boven /was getekend:/ S: V: Jon„ „geren Gasw: Translateur. vervolgens deed de heer Gouverneur de Har gouvrneur bolurt om lyte sijn beklag over de slegte geheijmhou„ „ding van zaaken, die niet alleen in 't generaal, maar ook afsonder„ „lijk, in deese vergadering scheen plaats te hebben, door dien de koning van Cochim en de palietter alles wisten wat er gedaan, en gesprooken, Ja zelfs wat er van en naar Batavia ge„ „schreeven wierd, en dat hem dit beschroomt pre maakte 145 Den 30. 9ber: A:o 1770. VVrijdag presumptes tien aangaande „maakte, rond borstig zijne gedagten te verklaaren, of de noodige proposi„ „tie te doen, tot de een of andere onder„ neeming van aangeleegentheijd, welker goed succes, maar alleen van eene nauwkeurige secretesse afhangelijk was, De Eerste leeden betuijgden hier op, tot hun leedweesen; van de waarheijd deeser klagte gantsch niet onkundig te zijn, alsoo zij bereets meer dan eens in 't publicq hadden hooren spree„ „ken van, en oordeelen over zaaken, welker bekendmaaking, zo al niet direct uijt de Raisonnementen deeser vergaadering, ten minsten uijt de onvoorsigtige en mogelijk zelfs ontrouwe behandeling van eenige der secretarij bediendens, voortvloeijen moeste; dat om dit voortekomen, het best zoude weesen, dat de heer Gou„ „verneur, van zijne bedagte voornemens in den aanstaande voor af, Geene ope„ ning Vrijdag Den 30. 9ber A:o 170. zaaken alleen aan zijn Edele gede= fereert te laaten „ning meer gaf, maar daar omtrend alleen volgens zijn eijgen overleg en goedvinden te werk ging; en en berliut om de uitvering van wat hun advis betrof, zij zig op d voorsigtigheijd, en door eene langjaarig ondervinding, verkreegene kundigheijd, van sijn Edele so volkomen geruste „den, dat zij, voor zo verre het noodig was, bij deesen gaarne voor af hun „ne toestemming gaven, tot alles wat sijn Edele, ten opsigte van den koning van Cochim, en andere Jnlandsche vorsten, doen en laaten mogte. En de Heer ontlo dewijl de overige leeden, sig bij deese rulug declaratie voegden, en dies de gantsche Raad den heer Gouverneur versog voortaan de sorge en 't beleijd wegen de afdoening der thans hangende ver„ „schillen, alleen op zig te neemen; oude herhaalde verzeekering van als vooren; zoo wierd dit door sijn Edele g'accepteerd, en teffens verstaan, wouden arri hier 147 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 1710. arrivement van 't schip Rens= woude. de Heer gouverneur is wegens de ontlossing en lading van dien bodem deese virlagen. hier van in deesen aanteekening te houden: Het schip Renswoude den 20. Courant, hier ter rheede verscheenen zijnde, met aanschrijvens en versoek van 't Ceijlonse ministerium, dat deese bodem met 600'000: lb: peper belaaden, ten aller spoe„ „digsten weder te rug gesonden mogte werden, alsoo deselve geprojecteerd was, voor een Retour schip, en ten dien einde nog twee nieuwe masten noodig hadde, zo maakte de heer Gouverneur aan de vergadering bekent, zig ten deesen opsigte eenigsints verleegen te vinden, wat propositie te doen, of wat besluijt te neemen, door dien de terug zending van het schip Zeekerlust, binnen den bepaalden tijd van 30. daagen, door haar hoog Edelens, insgelijks op 't ernstigste aanbevoolen; en het egter volstrekt onmogelijk was, met het aan handen sijnde klijne getal, van opene en traage los vaartuijgen, de ontlaading van Den 30. 9ber. A:o 170. van twee scheepen, tegelijk met nadauk te kunnen doorsetten: De Raad deese zaek overwogen en alles wat daar toe diend in aanmerking genomen, was de pre van gevoelen, dat men Renswoude niet konde ophouden, zonder het Ceijlonse ministerium, in groote verleegentheijd dezelve Ed: te brengen, en zelfs de ECompagnie voor een merkelijke schaade bloott stellen, en dat men uijt dien hoofde wel genoodzaakt zoude zijn, in dit stuk, op hoope van Gunstige welduij„ „ding, van Haar hoog Edelens, positive ordre aftewijken, te meer, alsoo het dog van nu af aan, al genoegsaam on„ „moogelijk was, daar aan volkomen te kunnen voldoen, door dien men, besluij om de wille van de aanhoudende keegen en stijve noord weste winden, met den ontlos van leekerlust, nog niet eens hadde beginnen kun„ „nen En dewijl de Heer Gouverneur Vrijdag. rig
English
The 30th November Anno 1770 Friday To have the preference. The same shall go to Porca to take in 550,000 lb. of pepper. Decision to have an anchor supplied to Renswoude. fully conformed with these reasons, it was resolved by unanimous vote to give the preference to Renswoude, and to issue these orders for its speedy dispatch: That the same, having been unloaded, shall immediately go to Porca, in order to take in there no more than a specified quantity of 550,000 lb. of pepper, so that the papers may be prepared here in advance, and can be sent with the ship directly from there. Likewise, it was also resolved to have supplied to this vessel, upon the requisition of the officers, a heavy anchor, instead of two that were lost near the latitude of Porca in a stiff wind during the voyage hither. Furthermore, two Ceylon letters of the 15th and 16th of the current month were reread and Friday The 30th November 1770 Decision to sell some weapon goods from Ceylon by auction, and to send some gun-carriage iron thither. The military lieutenant Van den Driessche requests his relief to Batavia. and therein noticing, among other things, the request of the servants that some weapon goods sent hither might be sold by public auction, and they might be accommodated from our stock with some gun-carriage and other iron: it was decided to assign the execution of the first to the second in command, and to fulfill the latter as much as possible at the next occurring opportunity. Hereafter, having been produced and read by the Governor, a written petition from the military lieutenant Van den Driessche, requesting, in view of the expiration of his term of service, to be permitted to be relieved from here to Batavia while retaining his pay: it was, considering that the petitioner is a vigilant officer who conducts himself well, and on that account is well worthy of this favor, Friday The 30th November Anno 1770. The pay transfer clerk Correjolles confirmed in that service and promoted to Bookkeeper. Two Topasses, one as Carpenter and one as Mason, engaged in service. in the hope of Their High Excellencies' favorable approval, deemed fit and decided to grant his request. Likewise, upon another petition submitted by the assistant Huijbert Simon Correjolles, who for some time has performed the service of pay transfer clerk, because he gives good satisfaction and proofs of competence, to confirm him in the said service, and alongside this to promote him to bookkeeper, at ƒ 30. –. per month under a contract of three years. Item, upon the request and strong insistence of the overseer of the timber yard, to take into the service two Topasses, Bartholomeus de Masedo and Domingo Cabraal, the first as Carpenter, and the latter as Mason under a contract of five years at ƒ 14. – per month, in order thereby to prevent that Friday The 30th November Anno 1770 The pay bookkeeper Keijsser requests dismissal as secretary of the Orphan Chamber. The said Correjolles comes in his place. The business regarding a letter and the general response from Their High Excellencies. they, being the only competent workmen among the inhabitants of this city, do not enter the service of private individuals when the Honorable Company requires them, as has happened more than once, and the work at hand has thereby often been considerably delayed. And whereas the pay bookkeeper Keijsser has simultaneously made a verbal request to be permitted to be dismissed from the College of Orphan Masters as secretary, it was likewise decided to assign those duties to the said Correjolles, of which notice shall be given to the said College by an extract from this resolution, to serve for information. The business having proceeded thus far, Their High Excellencies' letter of the 3rd of August of this year was taken in hand, along with the annexes sent therewith, Friday The 30th November Anno 1770. How to act with the sale of sugar. This has been sold with an advance of 52 percent. The order not to grant letters of recommendation shall be observed. and noted in the first place Their much esteemed authorization to dispose of the sugar as soon as possible, namely the recent shipment at 50 percent if no more can be bargained for, and that of last spring for somewhat less; however, regarding this item, a decision having already been taken under the date of the 20th of the current month, and as appears from the same, all the sugar, both old and new mixed together, has already been sold at an advance of fully 52 percent, one abides by that, and hopes that the measures taken in that regard will not appear disagreeable to the said High Government. And whereas They have been pleased to disapprove of our letter of recommendation, granted in the past year in favor of Ade Ragia to the Surat ministry,
Dutch transcription
149 Den 30.'. 9ber: Ao 170 Vrijdag de preferentie te hebben dezelve zal na poeca gaan om 550000: ed: feper inteneemen besluijt een anker aan Rens woude te laaten verstrekken sig met deese reedenen volkomen Con„ „formeerde, zoo wierd met Eenpaarige stemmen besloten, aan Renswoude den sewonde diend voor zeekerlutfde preferentie te geeven, en op dies spoedige depeche deese ordre te stellen: Dat het zelve ontlost zijnde, ten eersten naar porca zal gaan, om aldaar niet meer, dan eene bepaalde quan„ „titeijt van 550'000: lb. peper in te neemen, op dat de papieren hier in voorraad zouden klaar gemaakt, en met het schip; van daar direct versonden kunnen „werden. Jeffens wierd ook geresolveert, aan deesen bodem op den Eijsch van de overheeden te laaten verstrecken, Een swaar anker, in steede van twee, die omtrend de hoogte van Porca bij een slijve wind, op de herwaarts reijse verlooren zijn geraakt. wijders twee Ceijlonse brieven van den 15.:e en 16=de Courant herleesen en Vrijdag Den 30. November 177 besluijt eenige wapengoederen van Ceilon per vendutie te verkoopen. en eenig affuijt ijzer derwaarts te senden Den lieutenant militair van den Druissche versoekt om zijn ver= lopsing na Batavia en daar bij onder anderen ontwaard sijnde, het versoek der bediendens, dat desself eenige herwaarts gesondene wapen„ „goederen bij publicque vendutie ver „kogt, en sij uijt onsen voorraad met de soldj eenig Affuijt- en ander ijser Gerieft bevond mogten werden: zoo is verstaan, de volbrenging van 't Eerste den secunde optedraagen, en aan het laatste bij naast voorkomende geleegentheijd zoo veel mogelijk te voldoen. Hier na door den heer Gouver„ „neur geproduceert en geleesen zijnde een schriftelijk Request van den Lieu„ twee tenant militair van den Driessche en een aange versoek doende, om mits tijds Expiratie behoudens gagie van hier na Batavia te mogen werden verlost: zoo is uijt aanmerking dat den suppliant een vigelant officier is, die zig wel Comporteerd, en uijt dien hoofde deese Gunst wel waardig is, dienst op de 151 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 1770. de soldij overdraager Corrijolles in die dienst bevestigt en tot Boekhouder bevordert twee toepassen, een als Timmerman aangenomen op hoope van haar hoog Edelheedens deself ven oek med g'wordeert goed gunstige approbatie, goedgevonden en verstaan, desselfs versoek te accordeeren. zoo meede, op een ander ingediend request, door den assistend Huijbert Simon Correjolles, die zeedert eenigen tijd den dienst als soldij-overdrager waargenomen heeft, denselven om dat goed Genoegen en preuves van bequaamheijdt komt te Geven, in gem: dienst te bevestigen, en daar nevens te bevorderen tot boek„ houder, met ƒ 30. –. ter maand onder een verband van drie Jaaren. Jtem, op het versoek en sterk aan„ sche en een als Metselaar in dienst houden, van den opsiender der houtthuin Twee Joepassen, Bartholomeus de Masede en Domingo Cabraal, den eersten als Jimmerman, en den laat„ „sten als metselaar onder een ver„ „band van vijf Jaaren met ƒ 14. – per maand, in den dienst te neemen, ten eijnde, daar door voortekoomen, dat rij met Vrijdag Den 30: 9ber A:o 1770 den soldij boekhouder keijsser versoekt om ontslag als secretaris van de weeskamer plaats de besoigne over een brief ende generale de rescriptie van Haar Hoog Edelheedens zij als de Eenigste bequaame werklie„ „den onder de Jngeseetenen deeser stad, sig niet bij particulieren begeeven, wanneer de ECompagnie haar noodig heeft, Gelijk al meer dan eens geschied„ en het onder handen zijnde werk daar door veeltijds merkelijk ver„ „traagt is. En dewijl den soldij boekhouder seijffer teffens mondeling versoek heeft gedaan, om uijt het Collegie van weesmeesteren als secretaris te mo„ „gen werden ontslagen, is insgelijks verstaan die bediendens op te draagen gem: Corpolles komt in desself aan gem: Correjolles, waar van bij Extract uijt dit besluijt, aan gemelde Collegie kennisse sal werden gegeeven, te dienen tot narigt. De besoigne dus verre gevor„ „dert zijnde, wierd haar hoog Edelheedens briev van den 3. Augustus deeses Jaars, met de daar nevens overgesonden bijlaagen 00 153 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 1770. danig met den verkoop van zuiker te handelen desen is det verkogt met 52. p:r C„o advane leenen zal g'obselveert werden bijlaagen onder handen genomen, en in de eerste plaats aangeteekend Hoog derselver veel g'eerde qualificatie om de zuijker ten spoedigsten van de hand te zetten, namentlijk den Jong„ qaal ferotie van waar veng Edelheedens hoefs ten aanbreng met 50. perc=to als niet meer te bedingen is, en de voorjaa„ „rige voor iets minder, dog nadien aan„ „gaande, dit artikul onder dato 20. e Cou„ „rant bereets een besluijt genomen, en blijkens het zelve al de zuijker, zoo oude als nieuwe door een, bereets ver„ kogt is, met een advans van ruijm 52. perC=to, zoo gedraagt men zig daar aan, en hoopt dat de genomene maat„ regulen dien aangaande, welmelte hooge Regeering niet onaangenaam te vooren zullen komen. En dewijl Hoog deselve ons voor„ schrijvens, in faveur van Ade Ragia de ordre om geen voorschrijvens te ver„ in anno passato aan het sourats ministerie gegeeven, hebben gelieven afte
English
Friday the 30th of November 1770. Their High Excellencies order 9 Eastern military personnel to be sent to Batavia. The pay bookkeeper shall serve report. To write off ƒ 36:98: at the trade office. To disapprove and to prohibit the granting of such authorizations in the future, so this order shall serve for information and compliance. Since the aforementioned high government further pleases to order that nine Eastern military personnel named therein be sent to Batavia at the first opportunity, because the same were debited in the Cochin debt-book of the year 1766/3 for the enjoyment of ƒ 833. 16. –, but could not be found in the Batavian military books, it is likewise understood to have an extract hereof delivered to the pay bookkeeper, to serve for a report in writing. Just as it was also decided, pursuant to the aforementioned order of Their High Excellencies, to instruct the trade servants to write off from the books under the trade office for prior-year profits and losses the amount of ƒ 1336. 19. 8., which has been paid to the proxies of the former Commander De Jong, and is to be charged hither. Furthermore, since their said Highnesses further please to mention that upon a quantity of salted coir sent in the past year from here to Ceylon and from there to Coromandel, a considerable shortage in weight was found, which was attributed to far too much salt used for it, and with orders not only to no longer have the coir salted so heavily in the future, but also henceforth to have the same inspected upon shipment by express deputies in the presence of one of the ship's officers, it is also understood to let this order serve for information and compliance. Friday the 30th of November Anno 1770. Two petitions served in the Netherlands by the proxies of the second Kellij and the former Surat Master of Equipage Klinkert. Their High Excellencies order the second Kellij to give satisfaction and the Lord Governor to answer for himself regarding that of Klinkert. Among the enclosures of the aforementioned letter having been received the copies of two petitions, the first presented to the Noble High Honorable Lords Majores in the Netherlands by the proxies of the Honorable second Kellij, as former second and chief administrator at Surat, and the latter by the former Surat Master of Equipage Klinkert, with complaints against the Lord Governor Senff as former director at Surat, with orders from Their High Excellencies to hand those papers over to their honors, and that the Honorable Kellij shall have to give a striking satisfaction to their said Highnesses on account of the insulting expressions and licentious terms appearing therein, and the Lord Governor to answer sufficiently for himself to the complaints brought forward by the aforementioned Klinkert, so their honors have undertaken to comply with those orders. It being noted here further from the aforementioned missive that of the 55 returned muskets, 50 were found serviceable and only 5 unserviceable, and therefore it was decided to have an extract thereof delivered to the trade servants to serve for information. After which there was also read an extract of the General Resolutions of Batavia Castle dated 10 April of this year, by which it was enacted that slaves who have made confession of the Christian religion may not be sold in ownership to others with other slaves in public or privately, but their masters shall be obliged upon their death or departure for Europe: 1. to set the same free, 2. or to donate inter vivos, or by testament to bestow or bequeath them to their heirs, provided this occurs not in ownership, but under the aforementioned condition, or 3. to transfer the same at the appraisal of messengers or auctioneers to such persons as might be inclined to take them and set them free, or 4. to allow the slaves to buy their own freedom. In all of which cases the manumitters shall be exempt from the stipulated fine of 25 rix-dollars. Item, another extract from the aforementioned resolutions dated 26 May, annexed to an extract of a missive from the Fatherland dated the preceding 26 October, containing an order and instruction on how French ships shall be considered and treated here in the Indies, as well as to inform Their High Excellencies at all opportunities of whatever might occur regarding that private navigation and trade of the French. Together with another extract of the aforementioned date containing an order to also send over the documents belonging thereto when remitting insolvent estates to Europe. Thus it is understood to let all this serve for dutiful information and compliance, and on that account to have extracts of the first delivered to the respective colleges and secretaries, and regarding the order concerning French ships to regulate oneself accordingly as occasions arise, and to have a copy of the last mentioned extract delivered to the curator ad lites in order
Dutch transcription
Vrijdag Den 30. November 170. Haar Hoog Edelheedens ordonneeren 9. oos„ tersche militairen na Batavia te zenden den soldij boekhouder zal dienen van berigt we ang Alheden glaten ƒ 36:98: „ bij de depotie breken afte schrijven aftekeuren, en te interdiceeren om diergelijke voorschrijvens in den aan„ „staande te verleenen, zoo sal men sig deese ordre laaten strecken tot narigt en observantie. Nadien welmelte hooge regeering verder gelieft te ordonneeren negen oostersche militairen daar bij genoemt met de eerste occasie na Batavia te senden, alsoo deselve bij het Co„ „chimse schuldboek van anno 176 6/3. voor 't genot van ƒ 833. 16. –. belast, dog bij de Bataviasche militaire boeken niet te vinden waaren, is nd insgelijks verstaan hier van Extract teer aan den soldij boekhouder te laaten afgeeven, om te dienen van berigt in schriptis. zoo als almeede beslooten wierd, ingevolge welmelte haar hoog Edel„ „heeden ordre, de negotie bediendens te gelasten om bij de boeken op bevond voor aan 155 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 170. teijt gesouten Caijer te Chormandel inverte ordre om die niet meer zoo sterk te zouten, teeren voorjarige winsten en verliesen afteschrijven ƒ1336. 19. 8. , die aan de gemagtigdens van den oud Commandeur De Jong betaalt zijn, en herwaarts aangereekent staan te werden. voorts nadien hoog deselve, verder oenmerkelijk in wigt op een quanti=-mentie gelieven te maaken, dat op een in annopassato van hier na Ceilon en van daar na Cormandel versonde„ „ne quantiteijt Caijer een aanmerke„ „lijk minwigt was bevonden, het welk toegeschreeven wierd, aan al te veel zout, daar toe verbruijkt, en met ordre om de Caijer in den aanstaande en deselve bij afscheep te laaten visin niet alleen, niet meer zoo sterk te laaten zouten, maar ook voortaan deselve bij afscheep door Expresse gecommitteerdens in presentie van een van de scheeps overheeden te laaten visiteeren, soo is, almeede verstaan, deese ordre te laaten strekken tot narigt en observantie. onder Vrijdag Den 30: 9ber: A. o 1770 twee requesten door de gemagtigdens rats Equipagiemees ter klinker't in Nederland gediend Haar Hoog Ederlheedens gelasten den secunde kellij om satisfactie te geven 2 en den Heer gouverneur om zig op dat van klinkort te verantwoorden onder de bijlaagen van meer van den leeunde kellij en gew: sou„geciteerde brief ontvangen zijnde, de afschriften van twee requesten, het eerste door de gemagtigdens van den E. secunde Kellij, als geweese secund en hoofd-administrateur te souratta, en het laatste door den geweese sourats Equipagiemeester klinkert, met klagten tegens den heer Gouverneur Seuff als geweese directeur te Souratta aan de Edele hoog Achtbaare heeren Majores in nederland gepresenteerd, werd met last van Haar hoog Edelheedens, om die papieren aan haar Edeles ter hand te stellen, en dat d' Ekellij aan hoog deselve zal hebben te ge„ „ven een eclatante satisfactie, wegens de hoonende expressien en lasive termen daar in voorkomende, En den heer Gouverneur om zig voldoende te verantwoorden op de klagten door voorm: klinkert ingebragt, zoo hebben 157 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 170. vijfp:s vm 25. krng gesondene gewiren maar alleen onbequaam bevonden slaven die belijdenisse doen van de Chris= werden ordre hoedanig de lijfheeken, daarmede zullen mogen handelen hebben hun Edelens aangenomen om aan die ordres te voldoen. Werdende hier nog uijt voormelde missive aangeteekend, dat van de 55. p=s te rug gereekende snaphaanen, 50. p:s bequaam, en maar alleen 5. pees onbe„ „quaam bevonden zijn, en dierhalve beslooten, daar van extract aan de Negotie bediendens te laaten afgeven, om te dienen tot narigt. waar na ook nog lectura geno„ telijke Religie mogen niet verkogt men wierd van een Extract Generaele Resolutien des Casteels Batavia de dato 10. April deeses Jaars, waar bij gestatueerd werd, dat slaven, die belijdenisse van de Christelijke Religie hebben gedaan; niet met andere sla„ ven in 't publicq of onder 'shands aan andere in eijgendom mogen wer„ „den verkogt, maar de lijfheeren gehouden zullen weesen, deselve „ bij overlijden of vertrek na Europa vrij Vrijdag Den 30. 9ber: Ao 1770 naven 25: rijks daalders hier en Jndien zullen gehanselt werden vrij te geven, 2/ of bij Donatie intervivos, dan wel bij Testament te schenken of te ver „maaken aan haare erfgenaamen mits zulks niet in eijgendom, maar onder voormelte Conditie geschiede, dan wel 3:/ deselve bij Jaxatie van Bodens of afslagers overtegeeven aan desulke die genegen mogten zijn, deselve te nemen, en vrij te geeven. of 4. / deslaven toetestaan, dat ze zig selfs vrij koopen. de vijgevers ontheft van de boete in alle welke gevallen de vuijgevers zullen ontheft zijn, van de gestelde boete van 25. rd„s Jtem, een ander Extract uijt gem: ordre hoedanig de fransche scheepen Resolutien de dato 26. Maij, annex een Extract Patriase missive van den 26. october bevoorens, inhoudende, een ordre en voorschrift, hoedanig de pransche scheepen hier in Jndien ge„ con 159 Drijdag Den 30 9ber: A:o 1770. te bedelen wat wegens deselve voor„ komen magte hoetanig met insolvente boedels te handelen besluit van die ordres extracten te laaten afgeeven „considereert en behandelt zullen werden zoo meede, om teffens bij alle gelegent„ heeden haar hoog Edelheedens te Jnformee„ „ren, van het geene wegens die particu„ „liere vaart en handel: der franschen voorkomen mogte„ Benevens nog een Extract van gem: datum behelsende, een ordre om bij 't overmaaken van insolvente boedels naar Europa, ook de daar toe gehoorende documenten overtesenden. zoo is verstaan, het een en ander te laaten strecken tot schuldige na„ „rigt en observantie, en uijt dien hoofde van het eerst Extracten te laaten af„ „geeven aan de respective Collegien en secretarissen, en nopens de ordre om„ „trend de fransche scheepen bij voor„ „komende gelegentheeden, sig daar na te reguleeren, mitsgaders om van het laatste gem: Extract Copia te laaten afgeeven, aan den Curator adlites om
English
Friday, 30 November Anno 1770 Order to reduce expenses and increase profits. How to settle the account of charges on merchandise. How to handle the burial costs of the Company's servants. Writing off ƒ1226. 2. – for medicines is judged too liberal, to serve for guidance. Finally, pursuant to the notes on the findings in the trade books of the year 1762/3, it was resolved to comply to the utmost of our ability with the highly esteemed recommendation of Their High Excellencies to reduce expenses and increase profits by all possible means. Likewise, henceforth to settle the account of charges on merchandise against the profit account; henceforth to charge the burial costs of the Company's servants to their pay accounts, and to enter that amount in the trade books to the debit of Land Wages, and not under ordinary expenses. And whereas Their High Excellencies please to remark that the writing off of ƒ1226. 2. — for medicines under 161 Friday, 30 November Anno 1770 Elucidation of the origin of that entry. Order to reduce the debts of Cochin. under ordinary expenses is somewhat liberal, considering that this is only for servants who remain capable of performing their duties, it has been approved, in responding to the said finding, respectfully to elucidate to Their High Excellencies that this entry originated chiefly from the numerous servants who did not report themselves as unfit for duty, but remained at their assigned posts and performed their service instead of going to the hospital. After which, likewise being taken in hand and deliberated upon the aforementioned highly esteemed General Rescript of Their High Excellencies dated 25 September last, it was in the first place recorded by this resolution Their High Excellencies' highly esteemed recommendation to try to reduce the debt of the King of Cochin, either through the delivery of pepper or otherwise; 162 Friday, 30 November 1770 The appointment of officers over the native Christians approved. The debts of the Zamorin must also be collected. No contract concluded with the Zamorin. likewise, that it has pleased Their High Excellencies to approve our conduct with respect to the native Christians and the appointment of officers; and that the debt of the Zamorin must be collected, and meanwhile the collection of the revenues of the sequestered lands in the country of Chettua must be continued; all of which shall serve for dutiful information and observance, while it was furthermore approved respectfully to bring to Their High Excellencies' attention that thus far no contract has been concluded with the Zamorin, but in case such should occur, one will not fail not only not to promise that prince any aid, but also to observe a strict neutrality. 163 Friday, 30 November Anno 1770 The debt of the Prince of Colastry is left to the account of Commander Weyerman. On the other hand, the debt of Ady Raja has been paid out to him. Must be collected along with ƒ1948. 12. 8. Otherwise the present administration will be held liable. With regard to the arrears of the debt of the Prince Regent of Colastry and the Moorish regent Ady Raja, the aforementioned High Government having left that of the first-named prince to the account of the former Commander Weyerman, provided he retains his recourse against the councilors of Cochin who did not oppose the supply. However, regarding the debt of the last-named Ady Raja amounting to ƒ19945. 12. 8., ƒ18000:— having been paid out at Batavia to the said Honorable Weyerman, and that this, along with the remaining ƒ1945. 12. 8., now as a debt directly claimed by the Company, must be collected in installments if it cannot be otherwise, on penalty that the present administration would otherwise be held liable for it 164 Friday, 30 November Anno 1770 All effort will be made to collect that amount, yet they do not consider themselves liable for it. in case of any failure of duty, it was, after deliberation, approved respectfully to bring to the attention of the aforementioned High Government in the outgoing General Rescript that, although all possible effort will be made to collect that amount, one can nevertheless by no means hold oneself liable for it in case one should not succeed as desired in that undertaking; for those debts were incurred in Anno 1757, and the Honorable Weyerman was after that time Chief at Cannanore for three years and Commander of Malabar for four years; so that if it could have been done, he surely would have collected those arrears for his own benefit, but since he was unable to do so himself, this provides sufficient proof [illegible]
Dutch transcription
9ber: 30 Vrijdag Den Ao. 1770 en de winsten te vermeerderen hoedanig de Reek: van onkosten op koopmanschappen te vereffenen hoe met de begraffenis onkosten van sComp:s Dienaaren te handelen ƒ1226. 2. –. aan medicamenten afteschrijven word te ruijm g'oordeelt om te dienen tot narigt. Eijndelijk is ook nog ingevolge orre om de lasten te verminderen van het aangeteekende op de bevinding der negotie boeken van anno 186 2/7. be„ „slooten, aan de veel g'eerde recomman„ „datie, van haar hoog Edelheedens om bij alle mogelijkheijd, de lasten te ver„ „minderen en de winsten te vermeerderen na uijtterst vermogen te voldoen. zoo meede, om voorthaan de reekening van onkosten op koopman „schappen, op de winst reekening te verëffenen, De begraffenisse onkosten, van sCompagnies dienaaren voortaan op hun soldij reekenings te belasten, en dat bedragen bij de negotie boeken„ te brengen, ten lasten van Zoldijen aan land, en niet op onkosten ordinair En Alsoo Haar hoog Edelheedens gelieven te remarqueeren, dat de af„ „schrijving van ƒ1226. 2. —. voor medicamenten op 161 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 170 lucidatie waar die post zijn oorsprong van daan gehad heeft ordre om geschulden van den kochimder te verminderen op onkosten ordinair wat ruijm is, gemerkt, sulks alleen is voor dienaa„ „ven die in staat blijven, kunnen dienst waartenemen, is goedgevonden, hoog deselve bij beantwoording van gem: bevinding eerbiediglijk te Elu„ „cideeren, dat die post sijn oorsprong voornamentlijk gehad heeft, door de veelvuldige bediendens, die zig niet impotent hebben gegeeven, maar op haar bescheijden post gebleeven, en hunnen dienst waargenomen heb„ „ben, in steede van na 't hospitaal te gaan. waar na insgelijks onder handen genomen en gebesoigneert zijnde, over welm:d Haar hoog Edelheedens veel g'eerde generaale riscriptie van den 25. zeptem„ „ber Jongstleeden, soo werd bij dit besluijt in de eerste plaats aangeteekent hoog derselver veel g'eerde recommandatie, om de schuld van den koning van Cochimpe„ te Vrijdag Den 30 November 172 de aanstelling van officieren over de Jnlandse Chistenen g'approbeert de schulden van den sammorijn moeten mede werden ingepalmt kammazijn geslooten te tragten te verminderen het zij door de leverantie van peper als an „dersints; zoo meede, dat het hoog deselve behaagt heeft, ons gehouden gedrag te op sigte van de Jnlandsche Christene en aanstelling van officieren te approbeeren; En dat de schuld van den Lan morijn ingepalmt, en Jntusschen geco „tinueert moet werden, met de invor„ „dering der geregtigheeden van de ges „questreerde landen, in het land van daar Chettua; zoo zal het een en ander strekken, tot schuldige narigt en obj „vantie, terwijl alverder goedgevonden vonivog gen ontent met den wierd hoog deselve eerbiediglijk onder in het oog te brengen, dat tot nog toe geen Contract met den sammorijn geslooten is, dog ingevalle zulx ge„ beuren mogt, men niet nalaten zal, aan aan dien vorst niet alleen Geene hulp te orrr en d hoe 163 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 170. de bchuld van den prins van Collast rij werd gelaaten voor reek: van den Commarideur weijerman daarentegen is de schuld van Adij Ra„ gia aan denselven uijtgekeert moet met en benevens ƒ1948. 12. 8. ingepalmt werden aanspraekelijk gehouden werden te belooven, maar ook eene stipte neutraliteijt te observeeren. sen aansien van de agterstallen van de schuld van den prins Regent van Colastrij, en den moors regent Adij Ragia, welmelte hooge regeering die van eerst gem: vorst gelaaten hebbende, voor reekening van den gewee„ „se Commandeur Weijerman, mits hou„ „dende zijn guarand op de raadslieden van Cochim, die de verstrecking niet tegen gesprooken hebben. Dog van de schuld van laatst gem: Adij Ragia groot ƒ19945. 12. 8. te Batavia Aan gemelde E. Weijer„ man uijtgekeert zijnde ƒ18000:—, en dat die met de overige ƒ1945. 12. 8. , nu als eene schuld waar op de Compagnie direct pretentie maakt, bij paaijen, als het niet anders zijn kan, ingepalmt anders zal het presente ministerie moeten werden, op peene dat het presente ministerium, daar voor anders aanspree„ „kelijk Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 1770 men zal alle moeijte doen om dat be„ draagen inte palmen dog agt zig daar voor niet aanspreekelijk kelijk soude werden gehouden bij man„ „quement van eenig wan-devoir, zo wierd na overweeging goedgevonden, welmelte hooge Regeering, bij aftegaane Generaele Rescriptie, eerbiediglijk onder het oog te brengen, dat men wel alle moge„ „lijke moeijte zal doen, om dat bedra„ gen inte palmen, maar dat men sig egter geensints. daar voor aanspreeke„ „lijk kan stellen, ingevalle; men som„ tijds in die onderneeming niet naar wensch slaagen mogte, want dat die schulden gemaakt zijn in A:o 1757., dat de E: weijerman na die tijd nog geweest is Drie Jaaren opperhoofd te Cananoor„ en vier Jaaren Commandeur van de mallabaar; dat als het hadde geschieden kunnen, hij zeekerlijk dat agterstal om sijn eijgen best wille, wel ingepalmt zoude hebben, maar dewijl hij 't zelvs niet heeft kunnen doen, dat dit een genoegsaam, bewijs uijt
English
165 Friday the 30th of November Anno 1770. The given order in this regard they will please withdraw shows that it will now be even much more burdensome; that it would consequently be a far too harsh matter if his successors were forced to make up for his incapacity and even pay for his debt; and that on this account it is not only very humbly requested, but one also hopes that Their High Mightinesses lives in the firm trust that Their High Mightinesses will please withdraw again the order given on this matter, and declare the present administration free from all claims regarding the old debts, which have no relation to them at all, just as the late Honorable Commander Breekpot and the undersigned Governor have already been declared free thereof, by a general letter dated the 26th of September 1769 dispatched hither. And as regards the remark of Their High Mightinesses that since Friday the 30th of November Anno 1770. The new advances were made under proper receipt Old debt protested since the new advance to Adij Ragia was settled, one would also surely know how to collect the old debt: thus it is understood to note thereupon for respectful elucidation: That the new advances were made directly from the Company's treasury and warehouses, under proper receipt, and that consequently Adij Ragia can make no exception against the payment, or one would have reason to address him in another manner, without him being able to complain of injustice, but that the case is entirely different with that old debt, Adij Ragia has always protested against the because Adij Ragia has from the beginning protested against the validity of the same, and he still maintains to this day that the same does not originate from pure advances, but only from private settlements, the balances of which 167 Friday the 30th of November Anno 1770. Made in the trade books approved How to account for the pepper to Europe How to calculate the rupee in the books balances he could never approve, etcetera. Said High Government having further pleased to approve the corrections made and yet to be made in the trade books by the Governor to avoid much unnecessary paperwork. Corrections by the Governor Likewise, that the 100 lb of pepper upon shipment may be charged at ƒ20: –. Dutch without costs, and that the order given regarding the receipt and the weighing out of the spices is approved, so one shall likewise let both serve for guidance and observance; The order on spices approved While, for elucidation regarding the calculation of rupees, it may serve: that since the Rupee is established as a standard coin for Cochin to keep the cash books in, one also Friday the 30th of November Anno 1770. Order to make the guarantors of the former warehouse master Calkoen refund the excessively enjoyed write-offs also cannot avoid the smaller fractions of a Rupee, and that one had previously determined these to sixtieth parts; but that one shall henceforth calculate the same as forty-eighth parts, because then the reduction to 24 Dutch Stuivers falls easier and works out better. And whereas said Their High Mightinesses, regarding the spillage calculated and written off according to findings in the Cochin books of Anno 1783, of the goods transferred by the former warehouse master Calkoen to his replacement Saffin, and the write-off likewise enjoyed by the latter upon weighing out and delivery, on account of this double write-off enjoyed in percentage, have pleased to order the compensation thereof, with the sixth part to the amount 169 Friday the 30th of November Anno 1770. The arrangement regarding oil and wax candles etcetera at Cananoor approved Order to refrain from the purchase of pepper at Calicut amount of ƒ3419: 16. 8., to be made now by the guarantors of the aforementioned Calkoen, so it is likewise approved to give notice of this order to the said guarantors, being the pay bookkeeper Seijffer and First Clerk Daijmichen, and to have them immediately satisfy the prescribed amount into the Company's treasury; Just as it is likewise approved to inform the Cannanore chief van der Grijp by extract from said Their High Mightinesses' General Rescript that the arrangement made with regard to the oil, wax candles, etcetera, has been approved by Their High Mightinesses, to serve for his guidance and observance; And whereas the same High authorities, under the article of Pepper, have now pleased to order further to refrain entirely from the purchase of One shall endeavor to fulfill the requisition of cardamom Order to fulfill the requisition of Batavia and provide Ceylon with cowhides Paddy may be sold to the community from the Company's dispensary Friday the 30th of November 1740. of that grain at Calicut and its sale at Cochin, so this shall also be strictly observed, and at the same time all possible means shall be employed to procure the 20,000 lb of Cardamom demanded for Europe at the set price, and that one shall urge the Moor Regent Adij Ragia to the fulfillment of his contract entered into with the Honorable Company in Anno 1755. For the rest, Their High Mightinesses' requisition will be fulfilled to the utmost ability with the return of Zeekerlust, and care will continually be taken that Ceylon is provided as much as possible with cowhides, and also to proceed with the sale of paddy to the community, in so far as the supply in the dispensary will permit. And
Dutch transcription
165 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 1770. de gestelde ordre den aangaande zul len gelieven in te trekken uijtleevert, dat het thans nog veel be„ „swaarlijker sal vallen; dat het bijgevolg eene al te harde zaak zoude wesen, indien zijne opvolgers gedwongen wa„ „ven, zijn onvermogen te suppleeren en selfs voor zijne schuld te boeten; en dat men uijt dien hoofde niet alleen seer ootmoedig versoekt, maar ook in men hooft dat waar Hoog Edelheedens het vaste vertrouwen leeft, dat haar Hoog Edelens, de gestelde ordre op dit stuk, weder zullen gelieven intetrecken, en het presente ministerium, we„ „gens de oude schulden, die tot haar in het geheel geene betrekking heb„ „ben, van alle aanspraak vrij ver„ klaaren, gelijk wijlen de E Commandeur Breekpot en de ondergeteekende Gouver„ „neur, daar van bereets vrij verklaard sijn, bij gemeene brief in dato 26. 7ber: 1769. naar herwaarts afgevaardigt. En wat Aangaat de aanmerking van haar hoog Edelheedens, dat de„ wijl Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 1770. de nieuwe voor ii't verstrekkingen zijn gedaan onder behoorlijke quit„ „tantie oude schuld geprotesteert „wijl, de nieuwe vooruijtverstrecking aan Adij Ragia vereffent was, men ook de oude schuld wel zoude weeten intepalmen: zoo werd verstaan, daar op tot Eerbiedige elucidatie te notee„ „ven: Dat de nieuwe verstreckingen gedaan sijn, direct uijt 's Compagnies Cassa en pakhuijsen, onder behoorlijk quitantie, en dat bij gevolg Adij Ragia tegens de betaaling geene exceptie kan maaken, of men zouden reeden hebben„ hem op eene andere wijse aantes preeken, sonder dat hij zig over onregt beswaa„ e „ven konde, dog dat het met die oude schuld gantsch anders is geleegen, Adij Ragia heeft altijd tegen de want dat Adij Ragia, van den begin„ „ne af tegens derselver deugdelijkheijd geprotesteert heeft, en dat hij tot heeden toe nog staande houdt, dat deselve niet oorspronkelijk is uijt zuijvere voor uijtverstreckingen, maar alleen uijt particuliere afreekeningen, welker soldas. 167 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 1770 in de Negotie boeken gemaakt g'ap= probeert hoedanig de peper na Europa aante rekenen boedanig de ropij bij de boeken te bereekenen. . saldas, hij nooit heeft goedkeuren kunnen ensz: welmelte hooge Regeering alverder veedussen door den Heer gouverneur hebbende gelieven goed te keuren, de redressen, bij de negotie boeken door den heer Gouverneur tot vermijding van veel onnoodig schrijfwerk ge„ „maakt en nog te maaken. zoo meede dat de 100. lb peper bij versending mogen aangereekend werden met ƒ 20: –. nederlands sonder onkosten, En dat de gestelde ordre dorde ofde specerijen g'approbeert op den ontvangst en 't uijtweegen der specerijen goedgekeurt is, zoo sal men het een en ander insgelijks laaten dienen tot narigt en observan„ tie; Terwijl, tot elucidatie nopens de bereekening van ropijen dienen kan: dat dewijl de Ropij gesteld is tot een stand penning voor Cochim, om daar in de Cassa boeken te houden, men ook Vrijdag Den 30 9ber: A:o 170. t ordre de borgen van den gew: pakhuis„ te veel genootene afschrijvingen te laaten uijtkeeren ook de mindere gedeeltens van eene Ropij niet vermijden kan, en dat men deese bevoorens heeft bepaalt gehad, op sestigste gedeeltens; dog dat men deselve voortaan zal bereekenen te„ „gens agt en veertigste gedeeltens, om dan de reductie van 24 Stuijvers vaderlands, gemakkelijker valt en beeter uijtkomt. En nadien welmelte waar hoog „maester Calkoen ƒ3419: 16. 8. wogens Edelheedens, de bij de cochimse boeken van anno1 8/3. , volgens bevinding beree„ „kende en afgeschreevene spillagie, van de door den geweesen pakhuijsmeester Calkoen aan desselfs vervanger Saffin getransporteerde goederen, en de door deese laatste, daar van bij uijtweging en aflevering almeede genootene af„ „schrijving, op de wegens dese dubbeld afschrijving genotene perc=tot hebben gelieven te ordonneeren, de vergoeding van dien, met het sesde gedeelte ten bedraage 169 Vrijdag Den 30. 9ber: A:o 170. de schikking wegens olie en waxkaars en mnt: k Cananoor g'approbeert ordre om van den inkoop van peper te Caliout aftesien bedraage van ƒ3419: 16. 8. , thans te laaten geschieden, door de borgen van voorn=de Calkoen, zoo is insgelijks goedgevon„ „den, de gem: borgen, zijnde de zoldij boekhouder Seijffer en Eerste Clerq Daijmichen, van deese ordre kennisse te geven, en deselve het voorschreeven bedraagen, ten eersten in 'sCompagnies Cassa te laaten voldoen; zoo als insgelijks goedgevonden, is bij Extract uijt welmelte Haar hoog Edelheedens Generaele Rescriptie, aan het Cananoors opperhoofd van der Grijp kennisse te laaten geeven, dat de gemaakte schikkinge ten aansien van de olie waxkaarsen ensz:, door Haar Hoog Edelheedens is g'approbeert, om te dienen tot desselfs narigt en observantie; En nadien Hoog deselve, onder het artikul van Peper, als nu nader ge„ „lieven te gelasten van den Jnkoop van men zal tragten den eisch van Cardaman te voldoen ordre den Eijsch van batavia te voldoen en Ceijlon met koehuijden te worsien aan de gemeente mag Nelij uijt sComp=s dirpens verkogt werden Vrijdag Den 30. November 1740. van dien korl te Calicoet en dies ver„ „koop te Cochim in het geheel afte„ „sien, zoo sal zulks almeede stiptelijk werden g'observeert, en teffens alle mogelijke middelen werden in het werk gestelt, tot besorging van de voor Europa gevorderte 20'000: lb. Carda„ „mom, tegens de bepaalde prijs, en dat men den moors Regent Adij Ragia aanzetten zal, tot de voldoening van desselfs Contract, in anno 1755. met d' E: Comp: aangegaan. zullende voor 't overige Haar Hoog Edelheedens eisch, met de Retour van zeekerlust na uijtterst ver„ „mogen voldaan, en bij Continuatie zorg gedragen werden, dat Ceijlon zoo veel mogelijk, met koehuijden versien, en ook met den verkoop van nelij aan de gemeente werden voortgevaaren, bij zoo verre den voor„ raad in 't dispens zulks toelaaten wil En
English
Friday the 30th of November in the year 1770. The appointment of a churchwarden approved. Resolved to have minor repairs to the church carried out at the expense of that house of God. And whereas Their High Excellencies have been pleased to approve the assignment of the oversight of the church to the fiscal of Cochin, as well as placing the leper house under the administration of the deacons, and on this occasion it being remarked by the governor that only nine infected persons are currently supported in that house of God, both its revenues and those of the church are sufficient to carry out the daily or minor repairs to the church at its own expense, and thus relieve the Honorable Company of that burden, it was resolved to instruct the church council, by extract from this resolution, to have daily repairs to the Dutch church carried out henceforth at its own expense under the oversight of the churchwarden, as it is judged that the revenues of the church and of the two houses of God are sufficient to cover those expenses. The reward to natives for bringing in a deserter approved. The expenditure on the quay of Stroomburg approved. Order to make known the number of gun carriages and wheels that must be produced. And whereas the High Government has been pleased to approve that the native is encouraged by a reward to bring back deserters, and likewise has been pleased to allow that a European deserter was punished politically through running the gauntlet, this method will continue to be maintained to prevent desertion. And whereas Their High Excellencies, with respect to the fortifications, have passed the expenditure on the outer quay of the Stroomburg point for write-off, and regarding the artillery have been pleased to note that by the resolution of the 31st of August 1769, it was forgotten to make known the number of carriages and wheels that must be made, and what the same will come Friday the 30th of November in the year 1770. to cost, the amount of the former shall be made known in outgoing dispatches, and Captain Lieutenant of Artillery van Asbeek shall furthermore be instructed to fulfill that requirement so that it can be communicated to Their High Excellencies in the next outgoing dispatches. The order regarding the 76822 lb. of gunpowder will likewise be obeyed, and Their High Excellencies will be respectfully thanked for the relief of 5000 lb. of new powder sent, and furthermore informed that an equal amount has already been received from Galle with the Renswoude; And since the expenditure on the Commandement, to the amount of 6055. 38. –. rupees, was approved, and further qualification was granted to continue with the repair of roofs and ceilings Friday the 30th of November 1770. Various arrangements approved. Remark concerning the inner and outer garden and stable. gradually, as absolute necessity shall require it, this will likewise be complied with and economy observed as much as possible. For the rest, it is further noted here from the said missive, That the oversight of the production of carriages and wheels by Major Medeler, the reforging of large nails into small nails, the renewal of the topmast, And finally, The retaking of the dwelling house on the Stroomburg point, has been approved by the aforementioned High Government. However, Their High Excellencies, on the other hand, cannot take satisfaction in the takeover of the Company's former inner and outer garden and horse stable, on the assumption that Friday the 30th of November 1770. and those buildings remain the property of the Company. Order not to demand cash from Surat. that this occurred at the expense of the Honorable Company, it was now further resolved respectfully to elucidate to Their High Excellencies that the one thousand rupees were reimbursed to the Company's merchant Ezechiel Rahbijn out of the Company's treasury, and those structures were retaken to remain the property of the Honorable Company, while both the usufruct and the expenses remain for the account of the successive commanders, with the further remark that the same are worth considerably more than the stated one thousand rupees, and that for this reason it was thought better to leave the ownership thereof to the Honorable Company than to transfer the same to another. And regarding the prohibition issued not to demand any cash from Surat in the upcoming the 30th of November in the year 1770. The lifting of 100000 rupees was highly necessary. Yet the embarrassment for cash remained just as great. period without authorization from Their High Excellencies, likewise to demonstrate to Their High Excellencies that the extensive transmission of cash to Ceylon, the low turnover of merchandise, and the large supply of pepper by Travancore made the lifting of the 100000 rupees from the ship 't Huijs ter Meije utterly necessary, and that the lack of the cash recently demanded from the said directorship made that embarrassment even greater, indeed almost desperate; since Travancore, at the closing of the latest accounts under the date of the 27th of October last, still had a considerable amount of 95251. 56. — to its credit for the large delivery of pepper made, notwithstanding that his Highness had already received 100000 pieces of that coin specie on the 10th prior, and that Friday the
Dutch transcription
171 Drijdag Den 30 9ber: A:o 1710. de aanstelling van een kerkmeester gapprobeert Verthugs. gesluijt de klijne reparaties aan de kerk voor reek: van dat gods huis te laaten „escheeden En dewijl Haar hoog Edelheedens den opdragt, van het opsigt over de kerk aan den fiskaal van Hlarn, zoo meede dat men het leprosenhuijs onder de admi„ mede de sceking engem 't lipo mistratie van diaconen heeft gesteld, heb„ „ben gelieven te approbeeren, en te deeser occasie, door den heer Gouverneur opgemerkt sijnde, dat er maar negen besmettelingen thans in dat Godshuijs werden onderhouden, zoo wel de Jn„ „komsten daar van als van de kerk genoegsaam zijn, om de dagelijkse of klijne reparaties, aan de kerk voor haare Rekening te kunnen doen, en dus d' ECompagnie van die last post te ontslaan, zoo wierd verstaan, den kerkenraad bij Extract uijt dit besluijt te gelasten, de daagelijkse reparaties aan de nederlandsche kerk voortaan voor eijgen reekening te laaten doen, onder het opsigt van den kerkmeester, alsoo men oordeelt dat de Jnkomsten van de kerk de belooning aan inlanders voor 't opbren„ gen van een deserteur g'approbeert het bekostigde aan de kaaij van stroomburg g'approbeert. ordre om het getal der affuiten en wielen die aangemaakt moeten werden bekent te stellen kerk in de twee Gods huijsen genoegsaam toerijken, om die ongelden te kunnen goedmaaken En dewijl de hooge Regeering heeft gelieven te approbeeren, dat den Jnlander door belooning g'animeert werd, om de deserteurs te rug te brengen, zoo meede hebben gelieven te passeeren dat een zoo mede dat er een politicog afgestraf Europees deserteur politicq door de spitsroede afgestraft is, zoo zal men tot weijring van de desertie bij die methode verder blijven Continueeren En dewijl hoog deselve, met opsigt tot de fortificatien het bekostigde aan de buijtenkaaij van de punt stroomburg ter afschrijving gepasseert, en ten aansien van de arthillerie hebben gelieven te noteeren, dat men bij besluijt van den het 31. Augustus 1769. , heeft vergeeten be„ „kent te stellen, het getal der afbuijten en wielen die gemaakt moeten werden, en wat deselve zullen komen Vrijdag Den 30: November Ao 170. g'ab te is 173 Vrijdag Den 30 9ber: Ao 1710 de ordre dien aangaande zel werden g'abserveert. het bekastigde aan 't Commandement g'approbeert. qualificatie tot de verdere verhelping te kosten, soo sal het bedragen van het eerste, bij aftegaane schrijvens bekent gesteld en den Capitain Lieute„ „nant der Arthillerie van Asbeek als nog gelast werden aan dat re„ „quisit te voldoen ten eijnde zulks bij eerst aftegaan schrijvens aan hoog deselve te kunnen bedeelen. zullende de ordre nopens de 76822. lb. buskruijt, insgelijks werden g'obedieert, en haar hoog Edelheedens eerbiediglijk werden bedankt voor het toegesonden ontset van 5000. lb. nieuwe kruijt, en verder bekent ge„ maakt dat men een gelijk getal bereets met Renshoude van Gale ontvangen heeft; En nadien het bekostigde aan 't Commandement, ten bedraagen van ropias 6055. 38. –. geapprobeert, en verder qualificatie verleent werd, om niet de verhelping der daaken en zolde„ „kinge Vrijdag Den 30: November 1740. verscheide schikkingen g'approbeert remarque aangaande de binnen en buiten thuij en stal „ringen gaande weg voort te gaan, ^na en „ dat de absolute noodsaakelijkheijt zulks zal komen te verEijsschen, zoo zal daar aan, insgelijks voldaan en de menage, na vermogen werden in agt genomen. voor 't overige, werd hier nog uijt welmelte missive aangeteekent, Dat het opsigt over het aanmaaken van Affuijten en wielens, aan den majoor Medeler de versmeeding van groote tot klijne spijkers, de vernieuwing van de vlagge steng, En laatstelijk De terugname van het woon„ huijs op de punt stroomburg door Welm: Hooge Regeering is geapprobeert. Dog dat hoog deselve, daar en tegen geen genoegen kunnen nemen, in den overneem van 'sCompagnies geweesen binnen en buijten thuijn en paarde stal, op voor onderstelling dat 175 Vrijdag Den 30. November 1770. keert, en die gebouwen blijven in eijgendom voor de Comp: tehenen aaer van ordre om geen Contanten van souratta te virderen dat sulks is geschied ten lasten van d' ECompagnie, zoo wierd als nu nader beslooten, hoog deselve eerbiediglijk te elucideeren, dat de Duijsend ropias, aan 'sCompagnies Coopman Ezechiel Rhab„ bij uijt 'sCompagnies Cassa sijn gerem„ de 100: rop:s zijn aan zochiel gerimbour „ bourseert, en die opstallen wederom te rug genomen, om te blijven in eij„ „gendom voor d' Ecompagnie, terwijl soo wel het vrugt gebruijk als de ongelden, blijven voor reekening van de successive gebieders, onder ver„ „dere remarque dat deselve vrij meer waardig zijn, als de gestelde duijsend ropias, en dat men uijt dien hoofde vermeent heeft, beeter te doen, den eijgendom daar van aan d' EComp: te laaten, dan deselve aan een an„ „der over te geeven En aangaande, de Gedaane inter„ dictie, om buijten qualificatie van Haar hoog Edelheedens, in den aan„ staande den 30 9ber Ao 170. de ligting aan 100'000 rop:s was kaynood„ zaakelijk egter was de verleegentheit om Contanten nag even groot staande geene Contanten van Souratta te mogen vorderen, Hoog deselve insge„ lijks te verthoonen, dat de Ruijme versending van Contanten na Ceilon, de geringe sleet van handel whaaren en de ruijme leverantie van peper door Joevancoor de ligting van de 100'000: Ropias uijt het schip 't huijs ter Meije, ten uijttersten heeft nood„ „zaakelijk gemaakt, en dat het gemis der noch Jongst van gem: directie gevorderde Contanten, die verleegentheijd noch grooter, Ja genoegsaam raadeloos gemaakt heeft; vermits Jrevancoor bij het sluijten van de Jongste reek: onder dato 27:e october Jongst leeden, noch een aanzienelijk montant van 95251. 56. — op de gedaane ruijme leva„ „rantie van peper te goed had, niet tegenstaande sijn hoogheijdt op den 10. bevoorens, al 100'000: pees van die munt spetie genooten had, en dat Vrijdag het