VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3352

Malabar · 676 pages · 146 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3352_0379 view scan ↗

English

a matter that falls all too hard upon us. We have placed our trust in Your Right Honourable, and Your Right Honourable demands of us that we should pay this money. Therefore we indeed undertake to arrange that payment, but in instalments; namely every year 1000: rop:s, and when the upcoming 7: months have passed, may Your Right Honourable please retain 1000: rop:s, namely starting from the year 1772:, thus every year rop:s 1000:—; but if Your Right Honourable does not please to do such, it will be very harmful to us, and if Your Right Honourable does not come to our aid in this matter, we shall have to leave everything as it is and go seek our fortune in the forests and mountains; but if Your Right Honourable is pleased to consent to this, as we hope, then we shall come in person into the city, and meet Your Right Honourable, and give verbal assurance of all the foregoing. After the aforesaid matters were negotiated by mutual confidants, we had our gravamina presented to Your Right Honourable, whereupon Your Right Honourable had been pleased to let us know that Your Right Honourable could not favor us any further; we know that if we were to leave the Honourable Company, we shall not remain in existence for a single moment; for this reason and also for the good harmony that we preserve with Your Right Honourable, we shall observe and comply with everything Your Right Honourable has let us know to the best of our ability; but we are afraid that herewith our grievances will have no permanent end, therefore we request Your Right Honourable to grant a favorable recommendation to the letter that we are to write to the the Lord Governor-General, reinforced with Your Right Honourable's recommendation, so that the Lords Commanders in the future will not come to make any change in this arrangement, and we obtain a desired answer for our peace of mind. Underneath was written: for the translation, Cochim date as above; was signed: S: v: Jongeren, sworn translator. Then it was judged that it was the right time to conclude the matter; only it was further stipulated to deduct rop:s 1500: instead of 1000: a year, in reduction of the expenses incurred, to which His Highness also allowed himself to be moved, and whereupon it was at once determined to ratify the various points on the 14th following, in a public meeting; of which the record kept follows below. Friday morning the 14th of febr: 1772: all present, except the Honourable Major Medelen, who has departed for a short trip to Colombo. The Honourable members being assembled, the Lord Commander indicated how he, pursuant to the commission entrusted to him by Their High Mightinesses, namely to investigate and settle the known dispute with the King of Cochim concerning the territory of this city and the inhabitants thereof, thereof, after continuous and lengthy negotiations had finally come to an agreement with His Highness; of which he gave disclosure to the assembly; how he had agreed with His Highness to ratify and further confirm in public today what had been determined by mutual negotiations, in a public and solemn meeting here in the Commandery, in approximately the same manner as the known case near Coeriapallij with the King of Trevankoor was settled under date of the 25th of February 1770; how he had had them assemble to be present thereat and to take cognizance of what His Highness should promise; whereupon the Honourable members, having heard the decision of the dispute, rejoiced over the fortunate settlement of this affair, which had already caused so much trouble and expense, and has now been decided with preservation of the Company's reputation and restitution of the expenses incurred, and expressed their great willingness to attend this meeting. Next, the Commander further indicated how at an ordinary meeting with His Highness it is customary to give a present on behalf of the Honourable Company; how His Highness, paying the first visit to the late Right Honourable Governor Serff, was given a present of ƒ1564:10:— purchase price; how His Highness, paying the first visit to the Commander on the 20th of April 1771, was given a present of only ƒ 842:13:8, for reasons as can be seen in the resolution of the day before; how the visit of today, by virtue of its purpose, will be as extraordinary as it is momentous; how therefore the present this time should be larger.

Dutch transcription

180 een zaak, die ons al te hart valt, wij hebben ons vertrouwen op uw Ed:e agtb: gevestigt, en uw Ede agtb: vordert van ons dat wij dit geld betaalen zoude: dierhalven neemen wij wel aan die betaa„ „ling te bezorgen, dog in termijnen; teweeten ider Jaar 1000: rop:s, en als de aanstaande 7: maanden gepasseert zijn, gelieve uw Ed:e agtb: 1000: pp=s Jntehouden, Namentlijk van het Jaar 1772: beginnende, dus ider Jaar rop:s 1000:—, dog zoo uw Ed:le agtb: zulx net gelieve te doen, zal het voor ons seer schadelijk zijn, en zoo uw Ed:e agtb: ons in deeze zaak niet tehulpe en komt, zullen wij alles zodanig moeten laten staan, en ons for„ „tuijn in de bossen en bergen gaan soeken; dog als uw Ed:e agtb: hier in beliefd toetestemmen, zo als wij hoopen, dan zullen wij inperzoon binnen de stad komen, en uw Ed:le agtb: ontmoeten en van alle het voorenstaande bij monde ver¬ „zeekering doen Nadat de voorsz: zaken door wederzijdse ver„ „trouwelingen verhandelt zijn, hebben wij onse Gra„ „vaminas aan Uw Ed:e agtb: laten doen, als wanneer uw Ed:e agtb: behaagt hadde, ons te laaten weeten, dat uw Ed: agtb: ons niet verder begunstigen kon; wij weeten, dat als wij d' EComp:e mogten verlaten, wij geen oogenblik inweezen zullen blijven; om deeze reeden en ook om de goede Harmonie die wij met uw Ed:e agtb: conserveeren, zullen wij alle het geene uw Ed:le agtb: ons heeft laten weeten na vermoogen observeeren en nakomen; Dog wij zijn bevreesd, dat Hiermeede onse beswaarinssen geen vast Eijnde zullen hebben, dier„ „halven, verzoeken wij uw Ed:e agtb: een gunstige addresse te verleenen aand' brief die wij aan den den Heer Gouverneur Generaal staan te schrijven, gestarkt met uw Ed:e agtb: voorschrijvens, op dat de Heeren Commandeurs in den aanstaande geen verandering in deeze schikking komen temaken, en wij tot onse gerustheijd een gewenscht antwoord bekomen /:onderstond:/ voor de Juanslatie, Cochim dato als boven /:was getek:/ S: v: Jongeren g'translateur Toen oordeelde men dat het regt tijd was om dezaak te eijndigen; eenelijk bedong men nog om rop:s 1500: in steede van 1000: sjaar te zullen afhouden, in minderinge van de gedaane ongelden, waartoe zijn to:t zig ook beweegen liet, en waarop men ten eersten vast stelde, om het een en ander den 14:' daar aan, in eene publicque bij eenkomste nader gestand te doen; waar van de gehouden aantee„ „keningen hier ondervolgd Vrijdag morgen den 14:' febr: 1772: alle present, Excepto den E: Heer Majoor Medelen, die voor een springtogtje na Colombo vertrok„ „ken is. D' E:s leeden bij een vergadert zijnde, zo gat de Heer Commandeur tekennen, hoe hij (:ingevolge de door Haar Hoog Edelheedens aan hem opge„ „dragene Commissie, namentlijk om het bewuste verschil, met den koning van Cochim over het grond-gebied dezer stad, ende bewoonders daar 181 daar van te onderzoeken, en aftedoen:) na geduu„ „rige en langwijlige onderhandelingen het eindelijk met zijn Hoogh:t eens geworden was; waarvan Hij aande vergaderinge openinge gaf; toe Wij met zijn tot over een gekomen was, om het vastgestelde bij wederzijdse onderhandelingen heeden in't openbaar gestand te doen en nader te bevestigen, in een publicque en plegtige bij„ „eenkomste hier in't Commandement, omtrent op die zelvde wijze, als het bekende geval bij Coeriapallij met den koning van Trevankoor, onder dato den 25:' februarij 1770: bijgelegd is; hoe wij hun had laten bij een komen om daar bij tegenswoordig te zijn en kennisse tedragen van het geen zijn Ho:t: belooven zoude; waar op de h:s leeden de decisie van het verschil ge„ „hoort hebbende, zig verheugden over de geluk„ „kige afdoeninge dezer affaire, die reets zoveel moeijelijkheijd en kosten had veroorzaakt, en nu met behoud van 'sComp:s reputatie en restitutie der gedane kosten gedecideert is en betuijgden zeer gaarne deeze bij eenkomste tewillen bijwoonen. vervolgens gaf de Commandeur nog tekennen toe men bij een ordinaire ontmoetinge, met zijn Hoogh:ts gewoon is, van weegens d' Ecomp: een geschenk tedoen: Hoe zijn Hoogheijd de eerste visite bijwijlen den wel Edelen Heer Gouverneur serff afleggende, een ge„ schenk gedaan is van ƒ1564:10:—. uijtkoops, hoe zijn Hoogh:d den 20:' april 1771: bij den Commandeur, de Eerste visite afleggende, maar een geschenk gedaan is van ƒ 842:13:8: om reeden als bij resolutie van 'sdaags bevoorens tezien is: toe de visite van heeden uijt hoofde van haar oogmerk, zowel Extraordinair als aangelegen zal zijn; hoe dus het geschenk ditmaal grooter tt een trok„ ste

NL-HaNA_1.04.02_3352_0382 view scan ↗

English

ought to be greater than when His Highness paid the first visit to the late Honorable Governor Senff, the more so because His Highness, on his first visit to him, the Commander, received ƒ 721:16:8: less; and that he, the Commander, to that end had the Chief Administrator draft a proposed gift to the amount of ƒ 2696:4:— in redemption, thus asking whether the members could agree with him to present that gift to His Highness; whereupon the assembled members fully concurred, and it was consequently resolved to present the said gift to His Highness; After which His Highness was fetched from his palace, brought into the city, and received at the Commandery with such honor as His Highness is accustomed to be received here, and as is to be recorded in more detail in the daily register according to the ceremonial draft drawn up for it; and the ordinary mutual formalities and compliments having been performed, the Commander addressed His Highness and had it translated verbatim into Malayalam by the Junior Merchant and First Translator Simon van Jongeren, which had already been prepared beforehand for that purpose, as follows: It is known to Your Highness what great estrangements, strange movements, and regrettable occurrences existed between Your Highness and my predecessor concerning the jurisdiction and the revenues of the Canarese Bazaar and Mattancherry just prior to my arrival on this Coast. How Your Highness, having since listened to my advice and awaited the decision of the High Government in Batavia upon it, I have thus received orders to investigate that dispute and to settle it with Your Highness in accordance with equity. How we have now for some time already, daily through our mutual confidants, in order to avoid continual personal meetings and burdensome ceremonies in that manner, negotiated seriously with each other about this. How I have demonstrated to Your Highness the groundlessness of his claim and the impropriety of his conduct regarding that dispute, but have at the same time made him understand that perhaps the points would not have been insisted upon so strictly regarding what the Company until now had allowed to pass unnoticed or out of sheer goodwill, had no abuse been made of it on the part of Your Highness: How the Company would still not take notice of it if no abuse is made of it henceforth, provided the daily administration over the Canarese is properly regulated and no continuous trouble is caused over it anymore. How we, in order not to repeat all the particulars that were negotiated between us, having finally agreed with one another to establish the matters mutually and thereby remove the dispute from the world, have deemed it necessary for the greater peace of mind of both parties to further secure our agreement and to promise it verbally by hand in a solemn and public gathering, which is this one, in which I see brought along from Your Highness's side as witnesses the First State Minister of His Highness of Travancore and the Paliath Achan or First General of Your Highness, together with Your Highness's Nambudiri and one of Your Highness's Kariakkars, by names Latter Oenij Comij Atsja, Calloer, and Narana Lattare, and in which Your Highness sees assembled at my side as witnesses the collective members of my Council. And so I shall precede Your Highness in making my promise and thereafter await Your Highness's counter-promise. Whereupon the Commander continued: Whereas Your Highness has now for so long enjoyed the revenues of Mattancherry, the Canarese Bazaar, and the Pagadinho, along with the administration over the Canarese, intermingled with the Company's authority, through the goodwill and connivance of the Company, the Company, by virtue of its power of disposition over it, will allow Your Highness to retain the aforesaid revenues and the daily administration over the Canarese, under their Honors' higher authority, from now on and henceforth always, as long as the Kingdom of Cochin shall be governed by Your Highness and his legitimate descendants; but over the Banians and the silversmiths, as well as over their districts or dwelling places, Your Highness shall have nothing to say, since the Company reserves to itself alone the general and special administration over those two castes and neighborhoods. After which the Commander gave his hand to His Highness, adding that His Highness can depend on this with peace of mind, but also only if

Dutch transcription

grooter diende te zijn, als toen zijn Hoogh:d de Eerste visite bijwijlen, den Edelen Heer Gouverneur Senff aflegde, temeer zijn Hoogh:t bij desselfs Eerste visite bij hem Commandeur ƒ 721:16:8: minder gehad „dien. heeft; en hoe hij Commandeur ten „ eijnde een project schenkagie door den Hoofd Administrateur heeft laten formeeren, ten bedraage van ƒ2696:4:— uijtkoops vraagende dus, of de leeden met hem konden goedvinden, die schenkagie aan zijn to=t aftegeeven; zoo conformeerden zig de gesamentlijke leeden daarmeede ten vollen, en is dierhalven ver„ „staan, gem: schenkagie aan zijn Hoogh.:t aftegeeven; Waar na zijn to:t met zodanig honneur, als zijn to:t gewoon is, hier gerecipieerd teworden, en volgens het daar van geformeerd project Cere „monieel bij het dagregister naader staat aange „teekend teworden, van desselfs paleijs afgehaald, binnen destad gebragt, en in 't Commandement gerecipieerd, mitsgaders de ordinaire wederzijdse formalia en Complimenten gedaan zijnde, de Com„ „mandeur zijn Ho:t aansprak en door den onder„ „koopman en Eersten Translateur simon van Jongeren in't mallabaars, dat daartoe reeds bevoorens opgesteld was, bewoordelijk liet ver„ „tolken, als volgd. „ Het is awttot bekend, welke groote verwijderingen, „vreemde beweegingen, en ongaarne gebeurte „nissen 'er tusschen vw0 Hot en mijn antecesseur over „ de Jurisdictie en de reveuuen van de Canarijnse „ Bazaar en Mattancherij effen voor mijne aan„ „„komste te deezer Custe g'exteerd zijn. „ Hoe rrokto:t, 'tzederd na mijn raad gehoord en „ daar op de decisie van de Hooge Regeeringe te „ Batavia afgewagt hebbende, ik dus ordre erlangd hebbe 182 „ hebbe, om dat verschil te onderzoeken en met vro Hto:t na de billijkheijd aftedoen. „ Hoe wij dan nu al eenigen tijd lang, dagelijks „ door onse wederzijdse vertrouwelingen / ter ver„ „„mijdinge van geduurige perzooneele ontmoe„ „„tingen en lastige Ceremonien op die wijse.:/ met „ elkander daar over ernstig gehandeld hebben „ Hoe ik uwtto:t de ongegrondheijd van desselfs „ pretensie, en de onbehoorlijkheijd van desselfs „ gedrag omtrent dat verschil vertoond, dog teffens hebbe doen begrijpen, dat 'er mogelijk „ zo zeer niet zoude gepoincteerd zijn geworden „ op het geen de Comp:e tot dus lange als ongemerkt „ of uijt een puure goedaardigheijd had laten „ passeeren, indien 'er aan de zijde van vitto=t „ geen misbruijk van gemaakt was: „ Hoe de Comp:e als nog daar niet op zoude zien „ indien 'er voortaan nog geen misbruijk van gemaakt, de dagelijkse bestieringe over de Can„ „narijns maar behoorlijk gereguleerd en daar „ over geen geduurige moeijelijkheijd meer - ver„ „oorzaakt wierd „ Hoe wij (om nu geen repetitie tedoen van alle de bij zonderheeden, die 'er tusschen ons verhandeld zijn. ) dan eijndelijk het met elkander eens geworden zijnde, om het een en ander we„ „der zijds vast te stellen, en daarmeede het ver„ „schie uijt dewereld te helpen, tot meerder gerustheijd van elkander noodig g'oordeeld hebben, onze over eenkomste, nader te ver„ „zeekeren, en aan de hand mondeling te be„ „. „loven in eene plegtige en publicque bij „„eenkomste, dewelke deeze is, waarbij ik van uw Ho=ts zijde als getuijgen zie meede „ gebragt. „ „ „gebragt, den Eersten staads Minister van zijn Trevancoorse Hoogh:t en den Pallietter of Eerste „ veld overste van vwtto:t benevens vro tto:ts Namboerij „ en een van vw to:ts Ragiadoors in namen Latter oenij „ Comij atsja, Calloer, en Narana Lattare, en waarbij uw Hot aan mijne zijde als getuijgen „ vergadert ziet, de gezamentlijke leeden van „ mijnen raad. „ En dus zal ik vu Ho:t voorgaan in het doen „ van mijne belofte en daar na vwlto:t Contra „ belofte verwagten. Waar op de Commandeur vervolgde. „ Nademaal vrotto:t nu alzoo lange de revenuen „ van mattancherij, de Cannarijnse Bazaar, en „ de Pagodinjo benevens de bestieringe over de „ Cannarijns geintermelleerd met 'sComp:s gezag „ door de goedheijd en oogluijkinge van de „ Comp:s genoten en g'oeffend heeft, zo zal de Comp:e „ uijt hoofde van haare magt van dispozitie „ daarover, uwlto:t de voorsz: revenuen ende „ dagelijkse bestieringe over de Cannarijns laten „ behouden, onder Haar E:s Hooger gezag, van „ nu af aan, en voorts altoos, zo lang het „ Cochimse rijk door vw lo:t en desselfs wettige „ nazaten zal geregeerd worden; maar over „ de Benjaanen en de zilversmeeden zo min „ als over hunne districten of woonplaatzen zal violto:t niets tezeggen hebben; alzo de Comp:e over die twee geslagten en buurten de algemeene en bij zondere bestieringe aan „ „ zig alleen behoud. Waar na de Commandeur zijn Hoogh:t dehand gaf„ met bijvoeginge, dat zijn Ho:t hier gerust staat op kan maaken, dog ook maar alleen, indien

NL-HaNA_1.04.02_3352_0385 view scan ↗

English

if His Highness would promise and sacredly maintain the following five articles; as the Company expressly reserved to itself the right to revoke the aforesaid promise if His Highness should fail in the slightest degree in the promise to be made by him. Whereupon His Highness replied that His Highness accepted what had just been offered by the Commander in such manner, and was prepared to promise and maintain the conditions on His Highness's part, if they were the same that His Highness had negotiated with the Commander; and in proof thereof, would hear and confirm them one by one, just as the following articles were then also presented to His Highness one by one by the Commander, and distinctly read out by the aforesaid first translator van Jongeren, as they had also previously been translated into Malabar for that purpose. We promise to reimburse all expenses that the Company has had to incur on account of the question at issue, after deduction of what the Company has enjoyed from 10 October 1770 until the middle of this month from the farmers of the Canarese Bazaar, Mattancherry and Pagodinho, of which we have seen and approved the account, the first amounting to 14054 rupees and the latter to 2333 7/5 rupees, so that we shall properly reimburse 10720 3/5 rupees, but in installments of 1500 rupees per year, which amount of 1500 rupees the Company shall be permitted to deduct on the last of August upcoming and annually thereafter from what we are to receive annually from the Company on account of our half share in the farms, until the aforesaid sum of 10720 1/15 rupees shall be satisfied. We promise not to introduce any increase in tolls, neither on Mattancherry nor on the Canarese Bazaar and Pagodinho, nor to levy anything more there than what we have enjoyed therefrom according to the old regulations, from of old. We promise therefore to furnish the Company with a specific list of what will have to be paid there, and has always been paid, in order that in case complaints from the merchants or inhabitants should come to the Company regarding this, the Company might decide those complaints according to equity, with which decision we shall have to rest satisfied. We promise to give no orders to any Canarese, nor to impose any burdens on them that conflict with ancient custom, and that all Canarese shall therefore have the liberty to come and make their complaints to the Company and obtain their justice there if they believe that they are being mistreated; and in case the Company's subjects and inhabitants should demand money from Canarese or have any complaints against them, we promise not to hear those claims and complaints, but to refer them to the Company, to be decided there and its verdict executed; just as we also shall not and may not interfere in the least with the Banias and silversmiths, or their quarters. We also promise not to perform or allow to be performed any matters of importance concerning the Canarese pagoda, much less any laying out or lending of money, appointment or dismissal of heads over the pagoda, or adoption of high priests, without the special prior knowledge and permission of the Company. Which articles His Highness confirmed one by one, with the promise to maintain them sacredly, being the same that His Highness had negotiated with the Commander; giving thereupon his hand to the Commander. After which His Highness and the Commander congratulated each other, while the aforesaid persons present, both on the King's and the Commander's side, immediately did the same. Subsequently, some indifferent conversations were held, until at last His Highness requested the Commander to now also pay His Highness a return visit, whereupon the Commander replied that even had His Highness not spoken of it, he had already resolved to do so at the first opportunity, and left it to His Highness himself which day His Highness would be pleased to choose for it; and as His Highness declared that Tuesday the 17th upcoming was a good day according to the known heathen superstition, on which one of the heathen gods of fortune was celebrated and at the same time the prosperity of the King's realm was to be prayed for, the return visit was thereupon fixed and appointed for that day. After which, the King having made movements to take his leave, the Commander had the presents delivered, which His Highness accepted with affection, and after having taken a friendly farewell, departed again with the same state and marks of honor as His Highness had come; of which one and all it was agreed to keep this record. Thus done, resolved and passed in the Council of Malabar at the city of Cochin on the day, month and year aforesaid. It was signed: A. Moens, D. Kelly, R. van Harn, S. C. Saffin, B. van der Grijp, J. L. van Spall, A. R. Schutz, and C. G. Seijffer. In the margin: Understood for the Malabar translation and signed: S. V. Jongeren, sworn translator. Wherewith everything was settled, while the first-signed paid a return visit to His Highness on the 17th following, and was very amicably entertained, where the Prime Minister of the King of Travancore was also seen again, who remained present from the beginning to the end of the meeting, certainly to hear if anything special was negotiated, although nothing but ordinary compliments were exchanged and indifferent conversations held. And although the literal contents of your Right Excellencies' salutary and venerated orders in this matter have perhaps not been strictly fulfilled in every respect, we nevertheless hope, with these our proceedings

Dutch transcription

183 indien zijn Ho:t de ondervolgende vijf artikels, wilde belooven en heijliglijk onderhouden; alzo „be. de comp:e wel speciaal aan zig „ hield voorsz: belofte intetrekken, zodaa zijn Hoogh:t maar het minste aan desselfs tedoene belofte mogt man„ „queeren. Waarop zijn Hoogh:t repliceerde dat zijn Ho:t het zo even aangeboodene door den Heer Com„ „mandeur zodanig accepteerde, en bereijd was, de Condities aan zijn No:ts zijde te belooven, en zij dezelvde waaren, die onderhouden, indien Commandeur verhandeld zijn Ho:t met den Heer daar had, en ten bewijze van dezelve, een voor een zoude aanhooren en beaamen, gelijk dan ook de ondervolgende artikels aan zijn Ho:t een voor een, door den Commandeur voorgehouden, en door voorsz: eersten translateur van Jongeren als daar toe ook bevoorens in het mallab:s vertaalt distinct opgesteld „ wierden. „wij belooven alle onkosten te zullen vergoeden, „ die de Comp: om de bew: questie heeft moeten „ doen, na aftrek van hetgeen de comp:e „ van den 10:' 8ber: a:o 1770: tot medio deezer „ van de pagters der cannarijnse Bazaar mattancherij en Pagodinjo genooten heeft, waarvan wij de reekening gezien en wel „ bevonden hebben, de eerste groot rep:s 14054:— „ en de laatste rop:s 2333 7/5, zo dat wij eijgent„ „„lijk zullen vergoeden rop:s 10720 3/5. dog in termijnen met rop:s 1500:- 'sjaars, welk bedraagen van 1500: de Comp:e onder ult:o „ aug. s aanstaande en voorts Jaarlijks zal „ moogen afhouden, van het geen wij Jaarlijx „ vande Comp: weegens onze helfte in de pagten en tra „pagten, moeten ontfangen, tot dat voorsz: somma „ van rops 10720 1/15 zal zijn voldaan „ wij belooven geene verhooginge van toe, zo „ min op Mattancherij als op de Cannarijnse „ Bazaar en Pagodinjo te zullen invoeren, nog „ daar niets meer te heffen, als het geen wij „ nade oude bepaalinge, van ouds af, daar „ van genoten hebben. „wij belooven daarom, aande Comp:e te zullen „ bezorgen een specifice notitie van het geen daar „ betaald zal moeten worden, en altoos betaald is, „ om ingevalle klagten van de kooplieden of ingezeetenen, daar over bij de comp: mogten komen, de comp: die klagten na de billijkheijd zoude kunnen decideeren, met welke decisie wij ons tevreeden zullen moeten houden, „ wij belooven geene ordres aan eenige Canna„ „ „rijns tezullen geeven, nog hun geen lasten „ opleggen, die tegen de oude gewoonte stuijden „ en dat alle decanarijns daarom vrijheijd „ zullen hebben, om haare klagten, bij de comp:e „ tekomen doen, en daar Haar regt te erlangen „ indien zij meenen, datze qualijk gehandeld „ worden; en ingevalle 'sComp:s onderdaanen en „ ingezeetenen geld van Cannarijns te eijsschen „ of eenige klagten tegen hun mogten hebben, „ zo beloven wij die pretensies en klagten niet „ tezullen aanhooren, maar nade Comp: over„ „„tewijzen, om daar gedecideerd en dies uijtspraak „ g'executeerd teworden, gelijk wij ook in't „ geheel ons niet zullen nog mogen bemoeijen, „ met de Benjaanen en zieversmeeden, ofte hunne „ buurten „ ook belooven wij geene zaaken van belang omtrent 184 „ omtrent de Cannarijnse pagood, veel min eenige „ uijtzettinge of leeninge van geld, aanstellinge of afzettinge van Hoofden over de pagood of „ adoptie van Hooge priesters te zullen doen, „ af laaten doen, zonder speciale voorkennisse en permissie vande Comp:e; „ Welke artikels zijn to:t een voor een be„ „aamde, met belofte dezelve hijliglijk te zullen onderhouden, als zijnde dezelve, die zijn Ho:t met den Commandeur verhandelt had; gevende daar op aan den Commandeur dehand; waar na zijn Ho:t en den Commandeur elkan„ „der feliciteerden, terwijl de voorsz: bijweesende perzoonen zo van 's konings als van 'sCom„ „mandeurs zijde, zulks onmiddelijk ook deeden. „ vervolgens wierden nog eenige onverschillige dis coursen gevoerd, tot dat zijn ho:t op't laatsten de commandeur verzogt, om nu zijn ho:t ook een Contra visite tegeeven, waarop de Commandeur repliceerde, dat al had zijn Ho:t daar niet van gesprooken, Hij zig reeds bepaalt had om zulks bij eerste gelegentheijd te doen, en't aan zijn ho:t zelfs overliet, welke dag zijn ho:t daar toe gelievde te verkiesen en dewijl zijn ho:t betuijgde, dat het Dingsdag den 17:' aanstaande, volgens de bekende heijdense bij geloovigheijd, een goede dag was, op welke een van de heijdenste geluks Goden gecelebreerd en dan teffens het geluk van'skonings rijk stond afgebeeden teworden, zo wierd daarop de Contra visite tegen dien dag vastgesteld en bepaald; waar na de koning mouwementen gemaakt hebbende e hebbende, om afscheijdt teneemen, de Commandeur de presenten liet afgeeven, dewelke zijn ho=t met genegentheijd accepteerde, en na een vrien„ „delijk afscheijdt genomen hebbende, weder heen ging, met dezelfde statie en eerbewij„ „ringe, als zijn ho: gekomen was; van welk een en ander verstaan wierd deeze aanteekeninge tehouden Aldus Gedaan, Gearresteert en gepasseert in raade van mallabaar ter steede Cochim ten daage maand en Jaare voormeld /:was get: „grijp A:n Moens, D:o kellij, R: v: Harn, S: C: Saffin: /: B: V: d: J: L: van Spall, A: R: Schutz: en C: G: Seijffer, /:in margine:/ onderst:t voorde mallabaarse vertol„ „kinge en getekend /: S: V: Jongeren g' transl:t Waarmeede, dan alles zijn beslag had, Jer„ „wijl de Eerst geteekende den 17:' daar aan een Contra visite bij zijn Ho:t afgelegt heeft, en seer vriendelijk onthaald is, alwaar men ook weder zag den Eersten staats Minister vanden koning van Trevancoor, dewelke van't begin tot het eijnde der bij eenkomste tegenswoordig bleef, zeekerlijk om tehooren of 'er ook iets bijsonders verhandelt wierd, schoon 'er egter niets als ordinaire Complimenten gemaakt en onverschillige discoursen gehouden wierden. En schoon wel Juijst niet in alles aanden letterlijken inhoud van uw Hoog Edelheedens heijl„ „raame en Gevenereerde ordre ten deezen voldaan is, zoo hoopen wij egter, met deeze onse verrigtingen 110

NL-HaNA_1.04.02_3352_0389 view scan ↗

English

may have been able to give your High Noblenesses satisfaction, since the King of Trevancoor is now kept out of the game and given no opportunity to fish in troubled waters, but presently acts as if the King of Cochim has been restored to his ancient prerogatives through the intercession that His Highness made for the Cochim king, in recompense for the intercession that the King of Cochim recently made with His Trevancorean Highness in the case of Coeriapallij. We have not yet received any answer from Adij Ragia; we only know by rumor and through careful inquiries that he is gathering money and provisions and is extraordinarily occupied with Ader alij Chan, who according to the latest tidings is still closely surrounded by the Marattas, although recently a rumor went around that peace negotiations were underway. Meanwhile we have the high honor to remain with the greatest respect and high esteem. Below stood: High Noble, Right Honorable, Wide-ruling Lords, and Noble Lords; your High Noblenesses' humble and obedient servants. Was signed: A:n Moens and D: Kellij. In the margin: Cochim. Examined Ad: boowlieck Cochim the 4th of March anno 1772 Agrees H Schutz secretary Resolution meeting at the house of the Noble and Honorable Lord Commander, on Friday morning the 14th of February 1772. Present. The Noble and Honorable Lord Commander Adriaan Moens, The Honorable Upper Merchant, Second & Head Administrator David Kellij, The Honorable Merchant and Fiscal Reinier van Harn, The Honorable Junior Merchant & Warehouse Master Samuel Constantin Sassin, The Honorable Johannes Bartholomeus van der Grijp, The Honorable ditto and Cashier Jan Lambertus van Spall, The Honorable ditto and Secretary of Police Abraham Rudolf Schutz, The Honorable ditto and Pay Bookkeeper Coenraad George Seijffer, Absent The Honorable Lord Major & Head of the Militia Jan Hendrik Medelen The Honorable Members having assembled, the Lord Commander made known how he, pursuant to the commission entrusted to him by Her High Noblenesses, namely to investigate and settle the known dispute with the King of Cochim over the territory of this city and its inhabitants, after continuous and tedious negotiations had finally come to an agreement with His Highness, of which he informed the meeting, stating that he had agreed with His Highness to publicly uphold and further confirm today what had been established through mutual negotiations, in a public and solemn meeting here in the Commandery, in approximately the same manner as the well-known case at Coeriapallij with the King of Trevancoor was settled under date of the 25th of February 1770; that he had called them together to be present thereat and to take cognizance of what His Highness would promise. Whereupon the Honorable Members, having heard the decision of the dispute, rejoiced over the fortunate conclusion of this affair, which had already caused so much difficulty and expense, and is now decided with the preservation of the Company's reputation and restitution of the incurred expenses, and declared they were very willing to attend this meeting. Subsequently the Commander also made known how, at an ordinary meeting with His Highness, it is customary to present a gift on behalf of the Company; how, when His Highness paid his first visit to the late Noble Lord Governor Senff, a gift of f 1564. 10. cost price was presented; how, when His Highness paid his first visit to the Commander on the 20th of April 1771, a gift of only f 842. 13. 8. was presented, for reasons to be seen in the resolution of the day before; how today's visit, by virtue of its purpose, will be both extraordinary and important; how therefore the gift this time ought to be larger than when His Highness paid his first visit to the late Noble Lord Governor Senff, the more so because His Highness received f 721. 16. 8. less upon his first visit to him, the Commander; and how he, the Commander, to that end had a proposed gift list drawn up by the Head Administrator to the amount of f 2696. 4. -. cost price, asking therefore whether the Members could agree with him to present that gift to His Highness. The collective Members fully concurred therewith, and it was consequently resolved to present the aforementioned gift to His Highness. After which His Highness, with such honor as His Highness is customary to be received here, and according to the ceremonial draft drawn up for it, which is to be noted further in the daily register, was fetched from his palace, brought into the city, and received in the Commandery. And the ordinary mutual formalities and compliments having been performed, the Commander addressed His Highness, and had it properly interpreted by the Junior Merchant & First Translator Simon van Tongeren in the Malabar language, which had already been drafted beforehand for that purpose, as follows: It is known to Your Highness what great estrangements, strange movements, and regrettable occurrences existed between Your Highness and my predecessor over the jurisdiction and the revenues of the Canarese bazaar and Mattancherij, just before my arrival on this Coast. How Your Highness since then listened to my advice, and having awaited the decision of the High Government at Batavia thereupon, I thus received orders to investigate that dispute and to settle it with Your Highness according to equity; How

Dutch transcription

185 uw Hoog Edelheedens genoegen te hebben moogen geeven, alzo de koning van Jrevancoor nu buijten het spel gehouden en geen gelegendheijd gegeven is, in troubel water te visschen, maar zig thans houd als of de koning van Cochim in desselfs oude prerogativen hersteld is, op de intercessie die zijn Ho:t voor den Cochimsen koning gedaan heeft, in recompens voor de intercessie die de koning van Cochim laatst bij het geval van Coeriapallij bij zijn Trevancoorse Ho:t ge„ „daan had. van Adij Ragia hebben wij nog geen antwoord gekreegen; eenelijk weeten wij maar per gerugt en bij nauwkeurige informatie dat hij geld en producten versameld en onge„ „meen g'occupeerd is, met Ader alij Chan, die volgens de laatste tijdinge door de Marattas nog naauw ingeslooten is, schoon onlangs een gerugt liep, dat 'er een vreede onder„ „handeling was. Inmiddels hebben wij de Hooge Eere met de meeste eerbied en Hoog agtinge tever„ „blijven. /:onderstond:/ Hoog Edele Groot Agtbaare wijdgebiedende Heere, en wel Edele Heeren; uw Hoog Edelheedens onderdaanige en gehoorzame Dienaaren /:was getekent:/ A:n Moens en D: Kellij /:in margine:/ Cochim tol„ g „ Nagezie Ad: boowlieck Cochim den 4:' Maart a:o 1772: Accordeert H Schutz secret:s 186 Resolutie „ bij eenkomste ten huijse van den WelEdelen Commandeur, Achtb: heer Op Vrijdag morgen den 14:' Februarij 1772. Present. Den WelEdele Achtb: heer Commandeur Adriaan Moens, „. E. hier Oppercoopman secunde & hoofd Administrateur David Kellij, „ b. koopman en Fiscaal Reinier van Harn, „. E. Ondercoopman & Pakhuismeester Samuel Constantin Sassin, „ Johannes Bartholomeus van der Grijp, „. E. _„o en Cassier Jan Lambertus van Spall, „. E. _„ en Secretaris van politie Abraham Rudolf Schutz, 1. E. —„ en soldij boekhouder Coenraad George Seijffer, Absent „. 6. — Den E Heer Majoor & hoofd der Mlctie Jan Hendrik Medelen D' E„s Leeden bij een vergadert zijnde, zoo gaf de heer Commandeur te kennen, hoe hij /:ingevolge de door Haar hoog Edelheedens aan hem opgedragene Commissie, namentlijk om het bewuste verschil„ verschil met den koning van Cochim over het grond gebied deezer stad, en de bewoonders daar van te onderzoeken, en afte doen:) na gedurige en langwijlige onderhandelin¬ gen, het eindelijk met zijn hoogheid eens geworden was, waar van hij aan de vergaderinge oopeninge gaf, hoe hij met zijn Hoogheid overeengekomen was, om het vastgestelde bij wederzijdse onderhandelingen, heden in het oopenbaar gestand te doen, en nader te beves¬ tigen, in een publicque en plegtige bij eenkomste hier in 't Commandement, omtrend op die zelfde wijze, als het bekende geval bij Coeriapallij met den koning van Trevancoor, onder dato den 25: ' februarrij 1770. bij gelegt is; hoe hij hun had laaten bij eenkomen, om daar bij teegenswoordig te zijn, en kennisse te draagen van het geen zijn hoogheid belooven zoude, waar op de Ed. Leeden de decisie van het verschil gehoord hebbende, zig verheugden over de gelukkige afdoeninge deeser affaire, die reeds zoo veel moigelijkheid en kosten had veroorzaakt, en nu met behoud van 's Comps repulatie, en res„ „titutie der gedaane kosten gedecideert is, en betuigden zeer gaarne deeze bijeenkomste te willen bijwoonen. Vervolgens gaf de Commandeur noch 187 te kinnen; hoe men bij een ordinaire ontmoetinge met zijn Hoogheid, gewoon is, van weegens de Comp: een ge„ schenk te doen; Hoe zijn Hoogheid de eerste visite „afleggende, T. Senff bij wijlen den WelEdelen heer Gouverneur een geschenk gedaan is van ƒ 1564. 10. uijtkoops, hoe zijn Hoogheid den 20. April 1771. bij den Commandeur, de eerste visite afleggende, maar een geschenk gedaan is van ƒ 842. 13. 8. om reeden als bij resolutie van ' daags bevoorens te zien is; Hloe de visite van heeden uijt hoof„ de van haar oogmerk, zoo wel extra ordinair, als aangeleegen zal zijn; hoe dus het geschenk dit maal grooter diende te zyn, als toen zijn hoogheid de eerste visite bij wijlen, den Edelen heer Gouverneur Serffaflegde, te meer zijn hoogheid bij deszelfs eerste visite bij hem Commandeur ƒ721. 16. 8. minder gehad heeft, en hoe hij Commandeur ten dien einde een project schinkagie door den hoofd Administrateur heeft laaten formeeren, ten bedraage van ƒ2696. 4. -. uijtkoops, vraagende dus, of de Lieden met hem kon„ den goedvinden, die schenkagie aan zijn Hoogheid afte geeven, zoo conformeerden de gezamentlyke Leeden, daar meede ten vollen, en is dierhalven verstaan, gem: schinkagie aan zijn Hoogheid afte geeven; Waare ng Waar na zin Hooghied met zodanig honneur als zijn Hoogheid gewoon is, hier gerecipieerd te worden, en volgens het daar van geformeerd project Ceremo¬ „nieel, bij het dag register nader staat aangetekend te worden, van deszelfs paleijs afgehaald, binnen de stad gebragt, en in 't Commandement gerecipieert, mitsgaders de ordinaire wederzijdse formalia, en Complimenten gedaan zijnde, de Commandeur zyn Hoogheid aansprak, en door den onderCoopman & eerste translateur Simon van Tongeren, in 't Mallabaars, dat daar toe bevoorens reeds opgesteld was, behoorlijk liet vertolken, als volgt „ Het is uw Hoogheid bekend, welke groote ver„ „wijderingen, vreemd beweegingen, en ongaarne „gebeurtenissen, en tusschen uw Hoogheid, & mijn „ Antecesseur, over de Jurisdictie, en de nevenuen „ van de Canarijnse basaar & Mattancherij, effen „voor mijne aankomste ter deezer Custe gexteert „ zijn. „ Hoe uw Hoogheid zedert na mijn raad ge„ „hoord, en daar op de decisie van de hooge Regei¬ „ringe te Batavia afgewacht hebbende, ik dus „ ordre erlangt hebbe, om dat verschil te onderzoe¬ „ken, en mit uw Hoogh nade billijkheid afte doen; „Hoe

NL-HaNA_1.04.02_3352_0395 view scan ↗

English

How we then, now for some time, have daily negotiated seriously with one another through our mutual confidants, in this manner in order to avoid constant personal meetings and burdensome ceremonies. How I showed Your Highness the groundlessness of his claim and the impropriety of his conduct regarding that dispute, but at the same time made him understand that there might not have been so much objection made to that which the Company until now had let pass as unnoticed, or out of pure goodwill, had no abuse of it been made on Your Highness's side. How the Company would still not take issue with it, if no abuse were made of it in the future, the daily administration over the Canarijns were only properly regulated, and no constant difficulties were caused over it any longer. How we, in order not to make a repetition of all the details that have been negotiated between us, finally having agreed with one another to establish the matters mutually and thereby remove the dispute from the world, deemed it necessary, for each other's greater peace of mind, to confirm our agreement further and to promise it verbally by hand, in a solemn and public assembly, which this is, at which I see brought along from Your Highness's side, as witnesses, the first State Minister of His Trevancore Highness, and the Paljetter or first general of Your Highness, together with Your Highness's Namboerie, and one of Your Highness's rageadoors, named Patter Oenij, Comij Atsja, Calloer, and Narana Pattare, and at which Your Highness sees gathered on my side, as witnesses, the collective members of my Council. And thus I shall precede Your Highness in making my promise, and thereafter await Your Highness's counter-promise. Whereupon the Commander continued: Since Your Highness has already for so long enjoyed and exercised the revenues of Mattancherij, the Canarijnse bazaar, and the Pagodinjo, together with the administration over the Canarijns, intermingled with the Company's authority, through the kindness and connivance of the Company, so the Company, by virtue of its power of disposition over this, shall let Your Highness retain the aforesaid revenues and the daily administration over the Canarijns, under its Honorable higher authority, from now on, and henceforth always, as long as the realm of Cochim shall be governed by Your Highness and his lawful descendants; but over the Banyans and the silversmiths, as little as over their districts or places of residence, Your Highness shall have nothing to say, as the Company reserves the general and special administration over those two castes and neighborhoods to itself alone. After which the Commander gave His Highness the hand, adding that His Highness can depend securely on this, but also only if His Highness would affirm and religiously maintain the following five articles, as the Company explicitly reserved to itself the right to revoke the aforesaid promise, if His Highness were to fail in the least in his promise to be made. Whereupon His Highness replied that His Highness accepted that which was just offered by the Lord Commander as such, and was prepared to promise and maintain the conditions on His Highness's side, if they were the same that His Highness had negotiated with the Lord Commander, and in proof thereof would listen to and affirm them one by one, as then also the following articles were presented to His Highness one by one by the Commander, and translated by the aforesaid first translator van Jongeren, as also previously drafted distinctly in Malayalam for that purpose. We promise to reimburse all expenses that the Company had to incur on account of the mentioned dispute; after deduction of that which the Company has enjoyed from October 10, 1770 until the middle of this month from the lessees of the Canarijnse bazaar, Mattancherij, and Pagodinjo, of which we have seen and approved the account, the first amounting to rops. 14054 and the latter to rops. 3333 1/5, so that we shall actually reimburse rops. 10720 3/5, but in installments of rops. 1500 per year, which amount of 1500 the Company may deduct on the ultimate of August next, and henceforth annually, from that which we are to receive annually from the Company on account of our half in the leases, until the aforesaid sum of rops. 10720 2/5 shall be paid. We promise to introduce no increase of toll, as little on Mattancherij as on the Canarijnse bazaar and Pagodinjo, nor to levy anything more there than what we have enjoyed therefrom of old according to the old regulations. We promise therefore to furnish to the Company a specific list of that which must be paid there and has always been paid, in order that, in case complaints of the merchants or inhabitants might come to the Company about this, the Company could decide those complaints according to equity, with which decision we shall have to be content. We promise to give no orders to any Canarijns, nor impose any burdens on them that conflict with ancient custom; and that all the Canarijns shall therefore have the freedom to come and make their complaints to the Company and obtain their justice there, if they believe they are being ill-treated; and in case the Company's subjects and inhabitants might claim money from Canarijns, or have any complaints against them, we promise not to [illegible] those claims and complaints.

Dutch transcription

188 „Hhoe wij dan nu al eenigen tijd lang, dagelijks „ door onze wederzijds vertrouwelingen /: ter vermij„ „dinge van geduerige personele ontmoetingen en „lastige ceremonien op die wijze:/ met elkander daar „. over ernstig gehandelt hebben. „ Hoe ik uw hooghied de ongegrondheid van „ deszelfs pretensie, en de onbehoorlijkheid van des „zelfs gedrag omtrend dat verschil vertoond, dog tef„ „fens hebbe doen begrijpen, dater mogelijk zoo zeer „niet zoude gepoincteert zijn geworden, op het geen „ de Comp. tot dus lange als ongemerkt; of uijt een „ puure goedaardigheid had laaten passeren, „indien er aan de zyjde van uw hoogheid geen „ misbruijk van gemaakt was. Hoe de Comp. als nog niet daar op zoude zien, „ „indien er voortaan noch geen misbruijk van ge„ „maakt, de dagelykse bestiering over de Canarijns „maar behoorlijk gereguleerd, en daar over geen „ geduurige moeijelijkheid meer veroorzaakt wierd. „ Hoewij (om nu geen repetitie te doen, van alle de „ bijzonderheeden, die er tusschen ons verhandelt zyn) „dan eijndelijk het met elkander eens geworden zijnde, „om het een in ander wederzijds vast te stellen, „ en daar meede het verschil uijt de wereld te helpen, tot „ tot meerder gerusthied van elkander noodig geoor„ „deelt hebben, onze overeenkomste nader te verze„ „keren, en aan de hand mondeling te belooven, „ in eene plechtige & publicqe bijeenkomste, dewelke „ deeze is, waar bij ik van uw Hoogheids zijde, als „ getuigen zie meede gebragt, den eersten staads Mi„ „nister van zijn Trevancoorse hoogheid, en den „ Paljetter of eerste veldoverste van uw Hoogheid, „ benevens Uw Hoogheids Namboerie, en een van „ uw Hoogheids rageadoors, in naamen Patter „Oenij, Comij Atsja, Calloer en Narana „ Pattare, en waar bij uw hoogheid aan mijne zijde, als getuijgen vergadert ziet, de geza„ „mentlijke Leeden van mijnen Raad. En dus zal ik UW Hoogheijd „ voorgaan, in het doen van mijne „ belofte, en daar na Uw Hoogheids „ contra belofte verwachten. Waar op de Commandeur vervolgde: „ Nademaal UW Hoogheid nu al zoo lange de neve„ „nuen van Mattancherij, de Canarijnse basaar, en de „ Pagodinjo, beneevens de besteeringe over de Canarijrs „ g'intermelleerd met s: Comps gezag, door de goedheid & oog„ „luijkinge van de Comp. genooten & geoeffend heeft „zoo 189 „ zoo zal de Comp. uijt hoofde van haare magt van disposi¬ „tie, daarover uw Hoogheid, de voorsz: revenuen, en de „ dagelijkse bestieringe over de Canarijns laten behou„ „den, onder haar Ed. hoger gezag, van nu afaan, en „voorts altoos, zoo lang het Cochimse rijk door uw hoogh. „en deszelfs weltige nazaten zal geregeerd worden, „ maar over de benjanen en de zilversmeeden; zoo min „als over hunne districten of woonplaatsen, zal uw „ Hoogheid niets te zeggen hebben, alzoo de Comp: over „ die twee geslagten, en buurter de algemeene & „ bijzondere bestieringe aan zich alleen behoud. Waar na de Commandeur zijn Hoogheid de hand gaf, met bijvoeginge, dat zijn Hoogheid hier gerust staat op kan maaken, dog ook maar alleen indien, zijn Hoogheid de ondervolgende vijf articuels wilde beaamen, en heiliglijk onderhouden, alzoo de Comp. wel speciaal aan zich behield, voorsz: belofte in te trekken, zoo doa zijn Hoogheid maar 't mintste aan deszelfs te doene belofte mogte manqueeren. Waar op zijn Hoogheid repliceerde, dat zijn Hoogheid het zoo eeven aangeboodene door den Hier Commandeur zodanig accepteerde, en bereijd was, de Condities aan zijn Hoogheids zijde te belooven, en onderhouden, indien zij deselfde waaren, die e„ die zijn Hoogheid met den Heer Commandeur verhan„ delt had, en ten bewijze van dezelve; een voor een zoude aanhooren en beaamen, gelijk dan ook de ondervolgende articuls aan zijn Hoogheid een voor een, door den Commandeur voorgehouden, en door voorsz: eersten translateur van Ion„ geren, als daar toe ook bevoorens in het Mal„ lataars distinct opgesteld, vertaald wierden. „ Wij belooven alle onkosten te zullen vergoeden, „die de Comp. om de bew: questie heeft moeten „doen; na aftrek van het geen de Comp. van „ den 10. October 1770. tot medio deeser, van de pag„ „ters der canarijnse basaar, Mattancherij, en Pa„ „ godonjo genooten heeft, waar van wij de reekening „gezien en wel bevonden hebben, de eerste groot „ rops. 14054. en de laatste rops. 3333 1/5. zoo dat „ wij eigentlijk zullen vergoeden rops. 10720. 3/5. „dog intermijnen met rops. 1500. 's Jaars, welk „bedraagen van 1500: de Comp. onder ultimo „ Augustus aanstaande, en voorts Jaarlijks zal „moogen afhouden, van het geen wij Jaarlijks „van de Comp. weegens onze helfte in de pachten, „moeten ontfangen, tot dat voorsz: somma „ van rops. 10720. 2/5 zal zyn voldaan Wij 190 „ Wij belooven geene verhooginge van Thol, zoo „ min op Mattancherij, als op de Canarijnse basaar, „ en Pagodinjo te zullen invoeren, nog daar niets „meer te hoffen, als het geen wij na de oude bepar„ „linge van ouds af, daar van genooten hebben. Wij belooven daarom, aan de Comp. te „zullen bezorgen, een specifige notitie van het „geen daar betaald zal moeten worden, en altoos be¬ „taald is, om ingevalle klachten van de Cooplieden, „ of ingezetenen, daar over bij de Comp mogten „komen, de Comp. die klachten na de bellijk„ „heid zoude konnen decideeren, met welke decisie „ wij ons te vreeden zullen moeten houden. Wij belooven geene ordres aan eenige Cana„ „rijns te zullen geeven, nog hun geen lasten „opleggen, die teegen de oude gewoonte strijden; „en dat alle de Canarijns daarom vrijheid zullen „ hebben, om haare klachten bij de Comp. te komen „doen, en daar Haar recht te erlangen, indien „zij meenen, dat ze qualijk gehandelt worden, „en ingevalle 's. Comps onderdaanen en ingezee¬ „tenen geld van Canarijns te eisschen, of eenige= „klachten teegen hun mogten hebben, zoo „ belooven wij die pretensies en klagten niet te zullen an

NL-HaNA_1.04.02_3352_0400 view scan ↗

English

shall hear, but refer to the Company, so that it may be decided there and its verdict executed, just as we also shall entirely refrain from meddling, nor shall we be permitted to meddle, with the Banyans and silversmiths or their neighborhoods. We also promise to undertake or permit no matters of importance concerning the Canarese pagoda, much less any loan or lending of money, appointment or dismissal of heads over the pagoda, or adoption of high priests, without the special prior knowledge and permission of the Company. Which articles His Highness affirmed one by one with a promise to observe the same sacredly, being the same that His Highness had negotiated with the Commander, giving thereupon his hand to the Commander. After which His Highness and the Commander congratulated one another, while the aforesaid persons present, both from the King's side and the Commander's side, immediately did the same. Subsequently, some indifferent conversation was carried on, until at last His Highness requested the Commander to now also pay His Highness a return visit, to which the Commander replied that even had His Highness not spoken of it, he had already determined to do so at the first opportunity, and left it to His Highness himself which day His Highness pleased to choose for that purpose; and since His Highness declared that next Tuesday the 17th, according to the well-known heathen superstition, was an auspicious day on which one of the heathen gods of fortune was celebrated, and at the same time the fortune of the King's realm was to be prayed for, the return visit was thereupon fixed and appointed for that day. After which the King made motions to take his leave, the Commander had the presents delivered, which His Highness accepted with affection, and after having taken a friendly leave, went away again with the same retinue and honors as His Highness had arrived. Of all which it was understood that this record should be kept. Thus done, resolved, and enacted in the Council of Malabar, at the city of Cochim, on the day, month, and year aforesaid. Signed: A: Moens, D: Kellij, R: van Haren, P: C: Sassin, J: L: van Spall, J: B: van der Grijp, A: R: Schutz, & C: G: Seijffer. In the margin stood for the Malabar translation, signed: P: van Jongeren, sworn translator. Agrees, D Schutz Schemering, secretary. To the Right Honorable Adriaan Moens, Commander and Supreme Ruler of the Coast of Malabar, Canara, and Vengurla. Honorable, Respectable, Ruling Lord, The undersigned Paymaster, having been handed the Extract Resolution passed by Their High Excellencies the High Indian Government at Batavia on the date 16 July of this year, whereby the same have pleased to approve and direct that the ministers at the outer offices are henceforth prohibited from making the final payment to the native soldiers, but shall disburse to them no more than eight full months per year. The humble undersigned takes the liberty herewith in all deference to represent to Your Honor that, in his humble opinion, putting the same into practice here could have very bad consequences, since desertion, notwithstanding that payment here is made promptly, is nevertheless very prevalent, which would certainly worsen by the withholding of 4 months pay annually. I also find myself obliged, for Your Honor's consideration, to set down here that in former times the Oriental soldiers here indeed received no more than 6 months pay annually, and the remaining 6 months remained unpaid because they jointly had debts and ran away formally to Batavia. But in the year 1744 they rose up jointly against the administration here, and, so to speak, forced a resolution to be taken to disburse their full earned pay monthly, which has thus also been continued here until the present day. Meanwhile, having the honor to be, with deeply owed awe and respect, Honorable, Respectable, Ruling Lord, Your Honor's humble and very obedient servant. Signed: C: G: Seijffer. In the margin: Cochim, 23 December 1772. Agrees, J Dainicken, clerk. Examined, D Van der Klerk. Batavia. To His High Excellency, the High Honorable Lord Petrus Albertus van der Parra, Governor General, together with the Honorable Lords Councilors of the Dutch East Indies. High Honorable, Far-Ruling Lords, and Honorable Lords! The duplicate of our last respectful letter of 4 March last regarding the settlement of the dispute with the King of Cochim was dispatched to Your High Excellencies together with our general letter of 8 April just passed, per 't Huijs te Boede via Ceylon, and in continuation thereof, we have the pleasure to inform Your High Excellencies that since the settlement of the dispute, copy apart, still

Dutch transcription

„zullen aanhooren, maar na de Comp overte „wijzen, om daar gedecideert, en dies uijtspraak „g'executeerd te worden, gelijk wij ook in 't geheel „ ons niet zullen nog moogen bemoeijen, met de „ Benjaanen en zilver smeeden ofte hunne buurten, „ Ook belooven wij geene zaaken van belang, „ omtrend de Canarijnse pagood, veel min eenige „uijtzettinge of leeninge van geld, aanstellinge „ of afzettinge van hoofden over de pagood of adop„ „tie van hooge prusters te zullen doen, of laa„ „ten doen, zonder speciale voorkennisse & „ permissie van de Comp. Welke articuls zijn Hoogheid een voor een be¬ „aamde met belofte, dezelve heiliglijk te zullen onderhouden, als zynde deselve, die zijn Hoogh. met den Commandeur verhandelt had; geevende daar op aan den Commandeur de hand. Waar na zijn Hoogheid, en den Commandeur elkander feliciteerden, terwijl de voorsz: bij wesende perzoonen, zoo van 's konings, als van s Commandeurs zijde, zulks onmiddelijk ook dieden. Vervolgens wierden nog eenige onverschillige discoursen gevoerd, tot dat zijn Hoogheid op 't laat„ sten den Commandeur verzogt, om nu zijn 191 zijn Hoogheid ook een contra visite te geeven, waar op de Commandeur repliceerde, dat al had zijn Hoogheid daar niet van gesprooken, hij zich reeeds bepaald had, om zulks bij eerste gelegentheid te doen, en het aan zijn Hoogheid zelfs overlied, welke dag zijn hoog„ heid daar toe geliefde te verkiezen; en dewijl zijn Hoogheid betuigde, dat het dinsdag den 17. aan„ „staande, volgens de bekende heijdense bijgeloovigheid, een goede dag was, op welke een van de Hleidense geluks gooden gecelebreert, en dan teffens het geluk van s, konings rijk stond afgebeeden te worden, zoo wierd daar op de contra visite teegen dien dag vastgesteld en bepaald. Waar na de koning mouvementen ge„ maakt hebbende, om afscheid te neemen, de Commandeur de presenten liet afgeeven, de„ welke zijn hoogheid met genegentheid accep„ „teerde, en na een vriendelijk afscheid genoomen hebbende, weder heen ging, met dezelfde staat„ „rie en Eerbewijzinge, als zijn Hoogheijd ge„ komen was. Van welk een en ander verstaan wierd deeze aanteekeninge te houden. Aldus gedaan, gearresteert en # Nagezien. en gepasseert in Raade van Malla„ baar, ter steede Cochim, ten dage, maand, en Jaare voormeld. /:was Getek:/ A: Moens„ D: Kellij. R: van Haren P: CSassin „ J: L: van Spalf J: B: van der Grijp „ A: R: Schutz: & C: G: Seijffer. /:in margine stond voor de Mallabaarse vertolkinge / Getek:/ P: van Iongeren: Op transl. Accordeert D Schutz Schemering secret:s ƒ en 192 Aan den Wel Edelen Agtbaaren heer Adriaan Moens Commandeur en oppergebieder der Custe Mallabaar Canara en wingela Edele Agtbare Welgebiedende Heer Den ondergeteekende Soldij Boekhou¬ der ter hand gesteld sijnde Extract Resolutie ge¬ momen bij hen Hoog Edelheedens de hooge In¬ „diase Regeering te Batavia de dato 16: Julij desen Jaar; waar bij hoogst deselve hebben gelie¬ ven goed gevonden en verstaan de minister op de buijten Comtoiren voor het dervolg te interdi¬ „ceeren, de finale afbetaling der indlandse Mi„ litairen maar aan de selve niet meer te verstrek¬ „ken dan agt goede Maanden in het Jaar Den nedrige teekenaar neemt bij deesen in alle Eerbied de Vrijheijd UwelEdele Agtbaren voor oogen te brengen dat volgens zijn gering gevoelen het selve hier in train te brengen, van seer quade gevolgen Zouden konnen Sijn, nademaal de Deser¬ „tie tie ongeagt de betaling alhier promptelijk geschie egter sterk in swang gaat, het welk door het in„ „houden van 4: Maande Gagie Jaarlijx seeker„ „lijk soude verergeren. Ook Vinde mij verpligt tot speculatie van uwelEd: agtbaren hierneder te stellen dat in vroeger tijden de oosterse Militairen alhier Jaar „lijks wel niet meer dan 6: Maanden gagie genoo„ ten hebben; en de overige 6: Maanden is blijven staan om reeden deselve gesamentlijk hiero op schuld reek: en te Batavia formeel Lopen dog in het Jaar 1744 Sijn Sij gesamentlijk tegen de Regeering alhier opgestaan, en Zoo te zeg„ „gen genoodsaakt een besluijt te moeten neemen van hunne volle verdiende gagie Smaande¬ lijx te verstrecken het welk dan Ook tot heden sodanig alhier werd gecontinueerdt. Intussen de Eere hebben van met diep¬ verschuldigte „ontsag en „ Eerbied te zijn /onderstondt/ Edele Agtbare welgebiedende Heer, UWel Edele Agtbare onderdanige en seer gehoorsaame Dienaar /:was geteekent / C: G: seijl„ fer; in margine Cochim den 23: December 1772 Akkordeert J Dainicken Clercq van Jaar genoo„ n en gen i en en Nagerien D Van der Hlerk 193 Batavia Aan zijn Hoog Edelheijd Den Hoog Edelen Groot Agtbaaren Heer Petrus Albertus van der Parra Gouverneur Generaal benevens De Wel Edele Heeren Raaden van Nederlands India Hoog Edele Groot Agtbaare Wijd- gebiedende Heere En Wel Edele Heeren! Het Duplicaat van ons laatst Eerbiedig schrijvens van den 4:' Maart J:o leeden nopens de afdoeninge van het verschil met den koning van Cochim is benevens ons gemeen schrijvens van den 8:' april pas verweeken, per 't Huijs te Boede over Ceijlon aan uw Hoog Edelheedens afge„ „gaan, en ten vervolge van dien, hebben wij het genoegen uw Hoog Edelheedens temogen bedeelen dat men zedert de afdoening van het verschil Copia Apart nog

NL-HaNA_1.04.02_3352_0408 view scan ↗

English

has not experienced the slightest difficulty or complaints regarding the collection of the tolls or the governance over the Canarins. On the contrary, in accordance with his promise, the King has recently delivered a specific list of the tolls that have always been paid on Mattancherry, the Canarins Bazaar, and the Pagodinho according to the old regulations, and which shall henceforth also only be paid. This list has been handed over—in order never to have any dispute about this hereafter—to the pay-bookkeeper Seijffert, the First Translator van Jongeren, and our toll-collector, or as they are called here beach-watchman, Coenraatsz, persons who have been here for a long time and are knowledgeable in the language and the country, in order, assisted by the Honorable Company's and other private experienced merchants, to examine it in the presence of the King's Regidors and to verify item by item whether any novelty or any increase of toll might be found therein, with which they are currently occupied. The King of Travancore also still appears to be in an exceptionally good mood and well pleased. Among other things, he was recently seriously addressed concerning the delivery of pepper and that article was very strongly urged, which, according to reliably obtained information, had the effect that His Highness is said to have given orders thereupon to his Chief Pepper Supplier to reduce somewhat this time the contingent intended for the English at Anjengo, and to deliver that much more to the Company. However, because one is at the same time informed that His Highness, with this accommodation, might also principally intend to be accommodated in his views concerning the trade in Jaffnapatnam tobacco, which His Highness so gladly seeks to hold exclusively and tries to keep all other private individuals out of, and therefore has had requests made that one should indeed prevent and imperceptibly hinder the private supply of Jaffnapatnam tobacco and the sale of Malabar or actually Palakkad tobacco, this article is therefore held as a lure, so to speak, to make him run after the Company somewhat in that respect, without discourteously refusing him this or in any way promising it, by simply saying that His Highness is surely as close to the tobacco being imported as others, if only He is willing to pay the people as much for it as others, and that His Highness surely has the power within himself to forbid his subjects from buying any tobacco other than Jaffnapatnam tobacco; in which one does not find oneself amiss, if only one makes proper use thereof. But regarding Ali Raja, we can to our regret report little good, however much we would have wished, in continuation of our prior letter of 7 January of this year, to be able to report something regarding the vacating of a suitable dwelling on the bazaar and the settlement of his debt. For although one still hears that he is collecting money and produce, but is kept occupied by Hyder Ali Khan, he nevertheless replies to nothing of the matter, whatever one writes to him. He occupies himself with compliments, expensive promises, forceful assurances, speaks of envoys and of his reply to Batavia; yet of the one as little as of the other has anything yet been seen to arrive, except only some rice and cardamom, which he has sent without an invoice, and regarding the price of which he leaves us ignorant up to now, just as all of this is described in more detail in our general letter of today and the resolutions cited therein. Thus we still await his replies, envoys, produce, and cash, which will soon have to become apparent, as the good monsoon is drawing to an end and the waterway sometimes becomes unnavigable already in the month of May, so that it is to be feared that he is at present unable, if not even unwilling, to settle his debit, for which he has indeed pledged his ship, and also the goods and vessels of his subjects, so that the Honorable Company could indeed seek its recovery thereon. However, we have considered—for several reasons broadly cited in our resolutions of 22 August of the past year—not yet to proceed to this, both because the Honorable Company cannot be satisfied by the sale of the ship anyway, and because we, through that and even more through the seizure of vessels and goods of his subjects (for which there is still little opportunity), could get into entanglements and difficulties; regarding things of which nature Your High Nobilities were pleased to recommend rightfully in your honored missive of 1 October of last year that whoever is placed in the chief command here must temporize such matters and submit them to Your High Nobilities, as is done in all respect herewith, with a humble request to be strengthened with Your High Nobilities' orders, whether we may make use of the right given to us by the executed bond, and to what extent, or whether we shall still have to wait and see if we can obtain satisfaction from Ali Raja in installments. Pursuant to Your High Nobilities' honored authorization

Dutch transcription

nog geene de minste moeijelijkheijd of klagten over de invordering der Thollen ofde bestieringe over de Cannarijns gehad heeft: integendeel heeft de koning volgens desselfs belofte onlangs een specifique lijst overgegeven van de Thollen, die op Mattancherij de Cannarijns Bazaar en de Pagodinjo na de oude bepaalinge altoos betaald zijn en voortaan ook maar zullen betaald worden, welke lijft men, (om daar over na deezen nooijt eenig verschil meer te hebben) ter hand gesteld heeft aan den zoldij boekhouder seijffert den Eersten Translateur van Jongeren en onzen tolheffer, / of zo als men die hier noemd strand„ „wagter) Coenraatsz:, lieden die hier lange geweest, taal en landkundig zijn, om g'assisteert van 'sComp:s en andere particuliere ervarene kooplieden ten overstaan van 'skonings Ragiadoors te Exa„ „mineeren en van post tot post nategaan of 'er ook eenige nieuwigheijd dan wel eenige ver„ „meerderinge van Tholl bij mogt tevinden zijn waarmeede zij thans beezig zijn De koning van Jrevancoor schijnt ook nog in een bijzondere goede luijm en wel tevreeden te zijn, men heeft onder andere laatst eens ernstig over de peper leverantie onderhouden en dat articul zeer sterk aangedrongen, het geen volgens erlangt secuur berigt die uijtwerkinge gehad heeft, dat zijn Ho:t daarop aan desselfs Hoofd Peper leve„ „rancier 194 leverancier order zoude gegeven hebben om het Contigent dat aan de Engelschen te Ansjenga toegedagt was, ditmaal wat te verminderen en zo veel meerder aande Comp:e teleeveren, dog dewijl men teffens geinformeerd is, dat zijn Ho:t met deeze believinge ook wel principaal zoude bedoelen, om hem ook te believen in zijne vues met relatie noopens den Handel in de Jaffanapatnamse Tabak, dewelke zijn Ho:t zoo gaarne alleen zoekt tehebben en alle andere particuliere daar buijten tragt tehouden, en daarom wel verzoeken duard doen, dat men tog den particulieren aanbreng van Jaffanapatn=te en den verkoop van Mallabaarse of eijgentlijk palcatcherijse Jabak beletten en ongevoelig hinder„ „lijk wilde zijn, zohoud men dat articul als een lokaas om hem indat opzigt de Comp:e om zo tespreeken wat natedoen loopen, zonder htem zulks onbeleefd tewijgeren of eeniger maate te belooven, met eenvoudig te zeggen, dat zijn Ho:t tot de aan„ „gebragt werdende tabak immers zo na is als andere, indien Hij maar zoveel aan de lieden daar voor betaalen wild, als andere, en dat zijn Ho:t: immers de magt aan zig heeft, om desselfs onderdaanen te verbieden, andere tabak als Jaffa„ „napatnamse tekopen; waarbij men zig niet qualijk bevind, als men het regt gebruijk daar van maar maakt: Dog nopens Adij Adij Ragia kunnen wij tot ons leetweesen met veel goeds melden, hoe gaarne wij ook ge„ „wenscht hadden ten vervolge van ons anterieur schrijvens van den 7: Janu: dezes Jaars iets nopens de inruijminge van een bequame wooninge op de bazaar en de voldoeninge zijner schuld te kun„ „nen melden, want schoon men als nog hoord dat hij geld en producten verzameld, dog door Ader Alijchan in de bezigheijd gehouden word, zo antwoord hij egter op niets ter zaak wat men ook aan hem schrijft, hij houdt zig op met Complimenten, duure beloften, kragtige verzeekeringen, meld van zendelingen en van zijn antwoord na Batavia; dog van het eene zo min als van het ander heeft men nog niets zien komen, als eenelijk wat rijst en Carda„ „mon, die hij gezonden heeft zonder aan„ „reekeninge, en omtrent welker prijs, hij ons tot nog toe ignorant laat, gelijk dat alles bij onse gemeen brief van Heeden en de daar bij geciteerde resoluties nader beschreeven is, zo dat wij als nog zijne antwoorden, zendelingen, produc„ „ten en Contanten tegemoet zien, het geen zig nu haast zal moeten uijtwijzen, alzoo de goede mousson op het laatste loopt en het vaarwater in de maand van meij somtijds al onvaarbaar wordt, zodat het tedugten is dat wij thans on„ „vermoogens zo niet zelfs ongeneegen is, zijn Debet 195 debet tevoldoen, waar voor hij wel desselfs schip, en ook de goederen en vaartuijgen zijner onder „daanen heeft verbonden, invoegen d' EComp:e haar verhaal daarop wel zoude kunnen zoeken, dog waartoe wij om verscheijde reedenen /:breedvoerig aangehaald ter onser resoluties van den 22:' aug:s anno passato :/ vermeent heb„ „ben nog niet temoeten procedeeren, en om dat d' Ecomp: door verkoop van het schip tog niet kan werden voldaan, en wij daardoor en nog meer door het aanslaan van voor„ „tuijgen en goederen zijner onderdanen /:waar toe nog wijnig gelegentheijd is:/ zouden kunnen geraaken in Brouillerijen en moeijelijkheeden; omtrent dingen van welke natuur uw Hoog Edel„ „heedens laatst bij g'eerde missive van den 1: 8ber: J:o leeden teregt hebben gelieven aantebeveelen, dat de geen die hier in't Hoofd gebied gestelt is zulke zaken moet temporiseeren en uw Hoog Edelheedens voordragen, zoo als men in alle Eerbied doet bij dezen, met ootmoedig verzoek temogen werden gesterkt met Hoogst derzelver ordres, of wij van't regt, ons bij het gepasseerd verband „schrift gegeven, mogen gebruijk maken, en in hoeverre, dan wel nog zullen moeten afwagten en zien, of wij bij paaijen de voldoening van adij Ragia kunnen erlangen Jngevolge uw Hoog Edelheedens g'Eerde quali„ „ficatie der a

NL-HaNA_1.04.02_3352_0412 view scan ↗

English

fication, the most necessary repairs have already been carried out on the fortresses of Chettua and Cranganoor, and that at as little expense as is shown in the general letter of yesterday, since these places have been inspected in person and thus found to have indeed been in a very miserable and bad condition, especially Chettua; but also that, with good deliberation, these defects could be repaired rather cheaply, as had been estimated, although it was indeed more than time that what was necessary was done to them, if one did not wish to face further decay, not to mention collapses and sorrowful accidents, during the approaching bad monsoon. However, both small forts have now been brought back into such a state that they can remain for some time without significant repairs, if only a daily eye is kept on them and a hand is kept to them now and then, by plastering here and there whatever might come loose, or by shifting somewhat the tiles that sometimes slip, which has been recommended to the Residents in all earnestness. However, regarding the fort of Coilang, we have not yet progressed so far, as what is absolutely necessary to be done to prevent its total decay is of greater consideration and complexity. This fortress was inspected in person from close by, and, for greater certainty, surveyed once again since then by specially appointed commissioners, whose report is transmitted among the enclosures of this letter, along with a drawing prepared by them for a better understanding of it. According to this report, the main ramparts on the landward side are firm and strong, and require nothing but some minor repairs, but on the seaward side the foreland is increasingly being washed away by the water; indeed, that same foreland has already been undermined to such an extent that the salient part of the curtain wall between the water battery and the point Dordregt, over a length of 16 to 17 roeden, has collapsed as a result, and both of these points are likewise beginning to run great danger. And although these are indeed not works of great complexity, the terrain nevertheless does not permit the fortification on this side to be altered, especially as far as the water battery is concerned, because this cannot be done without stripping the Point Madura on the seaward side of all defense, and being unable to provide any other in its place except at great expense. The beach of Coilang is reasonably flat, and up to several roeden out into the sea there is no more than eight to ten feet of water; therefore we think that one could well secure the foreland, and safeguard it against further undermining, by having a sort of stone revetment laid in front of it to check and break the impact of the water, just as was done with much success by the former Chief of Coilang and present Dessave of Mature, Burnat, in front of the quay between the water battery and Point Madura, which at that time was in very bad condition and has thereby been preserved from further reduction until now, and now only needs to be provided for again here and there in the same manner. However, to proceed herein with greater certainty, the Chief of Coilang, Rozier, has been ordered to examine everything closely once again, and to send us his considerations thereon; and since the transport of stones, if this plan is found feasible, will cause the greatest expense, and the walkway of the faussebraye before the main rampart on the landward side is, if not lower, at least level with the common ground outside the fort, whereby this work can then be of little use, and thus also does not deserve to have its ruined parapets repaired, its revetments could be removed, and the stones coming from them could be used for the aforementioned revetment, with which, and with the stones from what is still at hand here and there from the former collapsed fortifications, one would already get quite a long way; while the part of the curtain wall that has collapsed could then, for greater security, be shifted so far inward that it comes into a straight line with the part that stands at the point Dordregt, whereby the hospital would only be slightly reduced in size, and the side of the water battery would have to be somewhat lengthened. The rest that is to be done at Coilang consists of renewing the gate in the curtain wall next to the point Dordregt, some repairs to the Company's buildings inside the fort, and remedying the small defects on the main ramparts by setting in stones here and there and plastering the stone revetments somewhat where necessary, for which orders have already been given, and as soon as we receive word from Coilang that the laying of the aforementioned stone revetment can take place, we shall provisionally have everything made ready as much as possible, in order to be able to begin with it at the next upcoming good monsoon. And although this repair will indeed cost something, and no one can yet be found who is willing to undertake to do it for a fixed sum, just as no calculation can be made for a work of that nature, and especially when working in the water, as can be done for other works, yet every deliberation and economy will be exercised in this regard; and we also flatter ourselves that nothing will be charged for it except what is effectively expended on it, for which all possible vigilance will be used. Now, as regards the plan of the late Honorable Mr. Senff in his treatise on the Malabar, paragraphs 51 and 52, concerning the inner

Dutch transcription

„ficatie heeft men aan de fortressen Chettua en Cranganoor reeds de hoogst noodige reparatie laten doen, en dat voor zoo weijnig kosten als bij gemeen brief van weeden aangetoond word, alzoo men die plaatzen selfs bezien en dus bevon„ „den heeft, dat dezelve inderdaat wel zeer elendig en slegt gesteld waaren, inzonderheijd Chettua, dog dat ook bij een goede overleg die gebreeken vrij goed kopen te repareeren waren, als daarvoor gesteld was, schoon het inderdaat meer als tijd was, dat het noodige daar aan ge „daan wierd, indien men bij de aanstaande quaade mousson, geen verder verval gezwijge instortinge en droevige ongelukken had wie„ „len tegemoet zien; egter zijn beijde fortjes nu weder in zoodaanigen staat gebragt dat dezelve eenigen tijd zonder reparatie van belang kunnen blijven, indien 'en maar een dagelijks oog en nu en dan een wijnig„ „je de hand op en aangehouden word, met hier endaar wat te plijsteren, het geen los mogt gaan, of met de pannen die somtijds verschuijven wat te verleggen, het geen de Residenten met allen Ernst gerecomman„ „deert is; Dog omtrent Het fort Coilang zijn wij nog zo verre niet gevordert: alzo het noodige dat ter voorkominge van desselfs totaal verval 196 verval, absoluit daar aandiend gedaan te „worden, van meerder bedenkinge en omslag is: men heeft die fortres zelfs van nabij gezien, en ten overvloede 'tzeedert nog eens door Expresse gecommitteerdens laten opnee„ „men, waarvan het rapport onder de bijlagen dezes overgaat, nevens een afteekening door hun tot meerder verstand daarvan ver„ „vaardigt volgens hetzelve zijn de Hoofd wallen aan de landzijde hegt en sterk, en hebben niet als eenige klijne reparatien nodig, dog aan de zeekant word de voorgrond, door het water meer en meer weggenomen, Ja die zelfde voorgrond is reeds zoverre ondermijnt, dat het uijtspringende gedeelte vande gordijn tusschen het waterpas, ende punt Dordregt, t ter lengte van 16: à 17 roeden daar door ingestort, en beijde deeze punten insgelijks veel gevaar beginnen te loopen. En schoon dit nu wel geen werken van grooten omslag zijn, zo permitteerd egter het terreijn niet, dat de vesting aan deeze kant inzonderheijd zoveel het waterpas aangaat, verandert word; wijl zulks niet geschieden kan of men zoude de Punt Madura„ aan aan de zee kant van alle defensie ontblooten en niet als met groote kosten eenige andere in de plaats kunnen bezorgen. Hetstaand van Coilang is reedelijk vlak„ en tot eenige roeden verre in zee heeft men niet meer als agt â thien voeten water; dus denken wij, dat men de voor„ grond wel zou kunnen verzeekeren, en voor het verder ondermijnen bevijligen, met een soort van steene gloojing daar voor tedoen leggen om den slag van het water te stuijten en te breeken, gelijk zulks door het geweeze Coilans opper„ „hoofd en tegenswoordige Dessave van Mature Burnat, met veel vrugt gedaan is voor de kaaij tusschen het waterpas ende Punt Madura„ welke toenmaals in een zeer slegten staat was, en daar door voor het verder afneemen tot nog toe bewaart gebleeven is, en nu alleen op dezelve wijze, hier en daar weder maar wat diend voorzien teworden Dog om met temeerder zeekerheijd hier in tewerk tegaan, heeft men het opperhoofd van Coilang Rozier gelast, om het een en ander nog eens nauwkeurig nategaan, en ons zijne Consideratien daarop telaaten toekomen; en wijl het aanvoeren van steenen, (:zo dit ontwerp uijtvoerlijk 197 uijtvoerlijk bevonden word:) de grootste kosten baaren zal, en de walgang van de fausse braije voorde Hoofdwal aan de land zijde, zo niet laager, ten minsten met de gemeene grond buijten het fort, egaal is, waardoor dit werk dan van wijnig dienst kan zijn, en dus ook niet verdient dat de vervalle borstweeringen gerepareert worden:) zo zouden de bekleedselen daarvan weggenomen, ende daarvan komende steenen tot de voorsz gloojing gebruijkt kunnen worden, waarmeede en met de steenen van het geen hier en daar van de eertijds uijtgevallene vesting werken, nog voor handen is, men al een end weegs komen zoude; terwijl men het gedeelte der gordijn dat ingevallen is, als dan ter meerdere verzeekering, zo verre binnen„ „waards kon doen rukken, dat zulks met het gedeelte, het welk aande punt Dordregt staat in een regte lijn komt, waardoor dan het Hospitaal alleen maar een wijnig ver„ „keijnt, ende zijde van het waterpas wat verlengt zoude moeten worden. Het overige datte Cailan tedoen is bestaat in het vernieuwen der poort in de goudijn naast depunt Dordregt, eenige reparatien aan 'sComp:s gebouwen binnen het fort, en het verhel„ „pen 164 werp t „pen der klijne gebreeken aande Hoofdwallen, met hier en daar steenen intezetten, en de steenen bekleedselen daar het noodig is, wat te plaisteren, waar toe reeds onder gegeven is, en zodra we berigt van Coilan krijgen, dat het leggen van voorsz: steene glojing geschieden kan, zul„ „len we bij voorraad alles zo veel mogelijk doen in gereedheijd brengen, om met de naast„ „komende goede mousson daar aan te kunnen beginnen En ofschoon deze reparatie wel wat kosten zal, en men tot als nog niemand kan vinden, die dezelve voor een bepaalde somma aannee¬ „men wild tedoen, gelijk ook op een werk van die natuur en inzonderheijd bij het werken in het water zo geene Calculatie als op andere werken kan gemaakt worden, zo zal men egter hier omtrent alle overleg en zuijnigheijd gebruijken: en wij vleijen ons ook, dat daarbij niets zal opgebragt worden, als het geen 'er effectief aan veronkost word, waar toe alle mogelijke oplettendheijd zal gebruijkt worden. watnu betreft het ontwerp van wijlen Den Edelen Heer senff bij desselfs verhandeling over de Mallabaar 5: 51: en 52: nopens de binnen

NL-HaNA_1.04.02_3352_0417 view scan ↗

English

inner canal Sloterdijk and the curtain between the bulwarks Stroomburg and Overijssel etc., thus we find ourselves obliged to testify to your High Noblenesses, according to our best knowledge and upon a carefully conducted investigation, that the execution of the same appears to us of such great complexity, that the utility thereof would scarcely correspond to the costs that are involved therewith, and which would undoubtedly become considerably greater, if one were to begin and proceed with it, than have been proposed, which impossible for a work of that nature can be determined to within a few thousand ropias more or less. And even to take in hand only a part and the most immediately necessary of this proposed work, the overhanging wall from the Boompoort up to the River Gate would actually have to be demolished, Sloterdijk filled up to that point, and first a new cut would have to be made high up in the curtain, on or actually against the east side of the bulwark Stroomburg, which new cut in and of itself contains much concern and difficulty; for from the aforementioned treatise 3: 57 it appears that that when the river is swollen, the quay at the foot of the bulwark Stroomburg suffers terribly from the rushing water. If one now makes a cut close by here, at the end of the curtain against the east side of that same bulwark, it will receive the pouring river water, and apparently thereby cause the current all the more to incline to run straight upon it from the first hand and cause in the canal itself not only a strong swell, but also a tremendous chopping of the water, the consequences of which, which cannot be foreseen, could be very harmful to that bulwark, which would then have to suffer heavily on both sides, whereas until now it has only had to suffer on one side. Added to this is also that with the laying of an earthen rampart, that entire part of the canal Sloterdijk would have to be filled in, to the considerable inconvenience of the community, and thus one would have to block off the entire remaining part of Sloterdijk in order not to make a cesspool of it, since it appears from the above what real difficulty there is in making a cut on the east side of the point Stroomburg, and besides that there is no other place for it; while the canal for the convenience of the community (not to mention the supply of pepper and nelij for for the warehouse and dispensary) is actually only used from the small Boompoort up to near the point Stroomburg, as the remainder of the canal further inside the city is merely a mud pool, and the merchants do not bring provisions so far with their small craft. For the convenience of that canal for the community (not to mention again for the Company) from the small Boompoort up to near Stroomburg consists in this, that most provisions are brought inside there with small craft, where the community can find its convenience, whereas otherwise these small craft, which cannot lie outside the River Gate against the quay, nor endure the heavy chop of the water, would have to go and lie far outside the city and at various places, where they must then be sought out by our inhabitants, and sometimes with strong current or wind become waterlogged, if not overturn entirely, which makes the obtaining of foodstuffs difficult and expensive. For this reason, in the months of January and February, the boom of Sloterdijk was purposely left closed for some time, to see the inconvenience that would be caused thereby; but then one saw first of all the misery; then complained the the dispenser, that the nelij that came from Paponettij cost double in coolie labor for carrying it that further distance, whereas the craft otherwise lie in front of the dispensary. The Resident of Paponettij complained that he could no longer obtain craft and carriers for the nelij, on account of the danger and greater spillage to which they were exposed by mooring at other places in the river outside the canal, and the far distance from the dispensary. The same would have taken place if at that time pepper from the northern outer residencies had also been brought down to the warehouse; nor can it be expressed how the community was inconvenienced, how everything became more difficult to fetch and more expensive to buy, and how everyone was glad again as soon as the boom was opened and Sloterdijk could be used. Also, the improvement that is brought to this fortress by this design consists only in this: that an earthen rampart would be laid behind the curtain between the bulwarks Stroomburg and Overijssel, and the west flank of this latter bulwark (called the galjoen in the aforementioned treatise) could thereby be lengthened a little further, as the actual objective of the extension of Sloterdijk

Dutch transcription

198 binnen gragt sloterdijk ende gordijn tusschen de Boewerken stroomburg en overijssel etc:a, zo vinden wij ons verpligt uw Hoog Edelheedens na onze beste kennisse, en bij een nauwkeurig gedaan onderzoek te betuijgen, datde uijtvoe„ „ringe van het zelve ons van zo grooten, om„ „slag voorkomt, dat het nut daar van net beantwoorden zoude, aande kosten welke daarmeede gemengd zijn, en ongetwijffeld vrij grooter zouden worden, indien men 'er aan be„ „gon en meede voortging, als daar voorge„ „steld zijn, dewelke onmogelijk bij een werk van die natuur op eenige duijzenden ropias min of meer kunnen bepaald worden. En om zelfs maar een gedeelte en het eerst nodigste van dit voorgesteld werk, onder handen teneemen, zo zoude eijgentlijk de overhangende muur van de boompoort tot aande revier poort afgebroken, sloter„ „dijk zoverre opgevuld, en alvoorens een nieuwe insnijdinge boven inde gordijn, aan of eijgentlijk, tegen de oost zijde van het boe„ „werk stroomburg moeten gemaakt worden, welke nieuwe insnijdinge op zig zelfs alleen, veel bedenkinge en zwarigheijd in zig heeft;— want Bij de voorsz: verhandeling 3: 57: blijkt, dat dat wanneer de Rivier geswollen is, de kaaij aan den voet van het bolwerk stroomburg geweldig veel telijden heeft van het afkomende water: Jndien men nu hier digte bij, aan't eijnde van de gordijn tegen de oostzeijde vandat zelfde bolwerk, een insnijding maakt, zo zal dezelve het rivier water stortende ontvangen, en appa„ „rent daar door des temeer den stroom doen neijgen, om hier, uijt de eerste hand op aante„ „loopen en in de gragt zelve niet alleen een sterke dijninge, maar ook een geweldig gekobbel te veroorzaaken, waarvan de gevolgen, die men niet voortuijtzien kan, voor dat bolwerk zeer schadelijk zouden kunnen zijn, dat als dan aan bijde zijden veel te lijden zoude hebben, daarhet tot nu toe nog maar aan een zijde telijden heeft. Hierbij komt ook, dat bij het leggen van een aande wal, dat geheele gedeelte van de gragt sloterdijk zoude moeten gedempt worden, tot merkelijk ongerief van de Gemeente, en dus zoude men het geheele overige gedeelte van sloterdijk om 'er geen stinkpoel van temaken dienen te stoppen, dewijl hier voren blijkt, wat reeele zwarigheijd 'er resideert, om aan de oost zijde van de punt stroomburg, een insnijdinge te doen, en 'er buijten die, geen andere plaats toe is: terwijl de gragt tot gerief der gemeente gepwijge bij den aanbreng van Peper en Nelij voor 199 voor 't pakhuijs en Dispens:) eijgentlijk maar gebruijkt word van 't boompoortje tot bij de punt stroomburg, alzo 't overige van de gragt meer na binnen de stad, maar een 'slijk poel is, en de marchiandeurs zoo verre met hunne vaartuijgjes geen benodigdheeden aanbrengen: want het gerief van die gragt voor de gemeente (gezwijge alweder voor de Comp: / van 't boompoortje tot bij stroom„ „burg, bestaad hier in, dat de meeste be„ „hoeftens met klijne vaartuijgjes daar binnen gebragt worden, alwaar de gemeen„ „te haar gerief kan vinden, daar anders deze vaartuijgjes, die buijten de revier „poort; tegen de kaaij niet leggen, nog de swaare kabbelinge van 't water uijtstaan kunnen, verre buijten de stad, en op onder„ „scheijdene plaatzen moeten gaan leggen, alwaar ze dan door onze Jngezeetenen moeten worden opgezogt, en somtijds bij sterke stroom of wind, vol water komen, zo niet geheel omslaan, het geen 't gerief van levens mid„ „delen moeielijk en duur maakt: men heeft daarom in de maand Janu: en februarij expres de boom van slotendijk eenigen tijd laaten sluijten, om te zien de ongelegend„ „heijd die daar door zoude veroorzaakt worden; dog toen zag men eerst deelende; dan klaagde de de dispencier, dat de Nelij die van Paponettij kwam, dubbeld Coelies kosten, voor 't opdragen van die verdere distantie, daar de vaartuijgen anders voor 't dispens leggen: de Resident van Paponettij klaagde, dat hij geen vaartuijgen en over brengers voor de Nelij meer kon krij„ „gen, wegens 't gevaar en meerder spillagie, waar aan ze ge-exponeerd waaren, door het aanleggen op andere plaetsen in de re„ „vier buijten de gragt, en de verre distantie van 't dispens: dit zelvde zoude plaats gehad hebben, indien te dier tijd ook peper van de noordse buijten residenties na 't pakhuijs afgebragt was; ook, het is niet te zeggen, hoe de gemeente ontrieft wierd, hoe alles moeije„ „lijker te haalen en duurder te koop wierd; en hoe ijder weder verblijd was, zoo dra de Boom openging en sloterdijk, gebruijkt kon worden. ook bestaat de verbeetering, welke door dit ontwerp aan deze vesting toegebragt word: maar alleen hier in, dat 'er een aarde wal agter de gordijn tusschen de boewerken stroomburg en overijssel zoude gelegd en de west flank van dit laatste bolwerk /:in de voorsz: ver„ „handeling het galjoen genoemt :/ daar door nog een wijnig verlangd zoude kunnen worden alzo het eijgentlijke oogmerk van slooterdijk verlenginge

NL-HaNA_1.04.02_3352_0421 view scan ↗

English

200 extension into the town moat with regard to these moats could just as well be achieved by placing the sluice gate under the Galwettij bridge, mentioned in § 51, and the remainder would thus only be an amenity for the town, which would certainly have its usefulness to that extent, but would bring no advantage to the fortress. However, the curtain wall, which at present consists only of a thick wall, certainly needs to be entirely renewed for a large part, namely from the River Gate to the Overijssel bastion, as it is in such a poor condition over that distance that if one did not know that it had already been more or less in such a state for many years, as appears from the accompanying statement of Captain Lieutenant Bekken and other persons of long standing assigned here, one would not hesitate for a moment to have it demolished in order to prevent its collapse; for wooden anchors have already been embedded in it for a long time, which surely must have been placed therein because of the weakness of the wall and can easily decay, in which case we cannot see that the wall would hold up. Thus, submitting our opinion with all deference, we consider that the construction of an earthen rampart, for which that entire part of Sloterdijk would have to be filled in, is not strictly necessary here. The bastions on this side cover the river fairly well, through whose proximity one does not have to fear that an enemy will attack this part of the town with the intention of penetrating into the fortress through it; and as for extending the west flank of the Overijssel bastion, which is connected to this, that extension could nevertheless only be done to such a small extent that the defense, in comparison with the rest of the fire, would not be noticeably increased; and although the north-east side of the Stroomburg bastion is only defended thereby, this line nevertheless lies so close to the river that it requires a strong protection less than other works. Thus we hope that Your High Excellencies will please take it in good part that we, in consideration of the aforementioned objections and the great expenses that the execution of the aforementioned design will absolutely drag along with it, have for the present not yet made use of Your Excellencies' honored authorization to take it in hand, the more so as the aforementioned defective part of the repeatedly mentioned 201 repeatedly mentioned curtain wall, according to the aforementioned statement, does not run the danger of collapsing so precipitately as was at first thought thereof; And since we are precisely of the opinion that the objectives of this plan, in so far as it relates to the improvement of the fortress, can be adequately fulfilled at incomparably less expense, we take the liberty to make the following proposal to Your High Excellencies. The curtain wall from the Overijssel bastion to the River Gate certainly needs to be renewed, but we believe that it will suffice if, by means of that renewed curtain wall, one can maintain a safe communication with the bastion, for which the rampart walkway only needs to be so wide that one can transport the cannons over it to and from this work; and as the remaining piece of this curtain wall from the River Gate to Stroomburg is a bare rampart walkway without any covering, it ought to be provided with a parapet in order to be able to occupy this part also with infantry in case of need, all of which can be done without part of Sloterdijk having to be filled in, and thus this inland waterway could be left as it is, to the convenience and joy of the inhabitants, who, having heard more or less of the aforementioned project, have already complained about it. Furthermore, the parapets of the Overijssel bastion, which, like all the parapets of this town, are only more or less four feet high, and thus do not sufficiently protect the garrison from the fire of the enemy, ought to be raised to six to six and a half feet, the more so because the terreplein is elevated no higher than 7 to 8 feet above ordinary water level. By this means we believe that Cochim on this side will be sufficiently fortified in proportion to the remaining part of the fortress; for although the works taken by themselves are not as strong here as on the landward side, they are nevertheless, by the proximity of the river, more secure against a violent assault than any other part of the town. The costs that will be necessary for the execution hereof we cannot well determine; yet we dare assure Your High Excellencies 202 Excellencies that, should Your High Excellencies see fit upon this respectful representation to make a change in Your Excellencies' honored resolution, the same will bear no comparison with the expenses calculated for the design of Mr. Leuff. We said above in passing that the parapets of this fortress are generally too low: this goes so far that in many places the cannon on the ramparts stand exposed almost up to the axles of the gun carriages. It is therefore absolutely necessary that the same be raised so high that they can protect the garrison. It is truly a pity about this fortress, as not only do all points on the landward side defend themselves reasonably well, but also (apart from some defects and crumbling both in the embrasure openings and on the platforms, which one could still manage to improve at intervals with economy and deliberation), the ramparts are otherwise fairly strong and provided at the bottom with a very good berm, which here and there needs only some repair, if not merely a single plastering; And thus we humbly request Your High Excellencies

Dutch transcription

200 verlenginge tot in de stads gragt ten aansien van deze gragten, even zo goed zoude kunnen be„ „rijkt worden, door het leggen der schut sluijs onder de brug van Galwettij, bij §. 51. vermeld, en het overige dus maar alleen een agrement voor de stad zoude zijn, het geen zekerlijk wel in zo verre zijne nuttigheid hebben, dog aan de vesting geen voordeel doen zoude, Dog de gordijn welke thans alleen uijt een dikke muur bestaad, diend zekerlijk voor een goed gedeelte geheel vernieuwt teworden. teweeten van de Revier poort tot aan het bolwerk overijssel, alzo dezelve op die distantie zo slegt gesteld is, dat als men niet wist, datze reeds veele Jaaren min of meer zoodanig gestelt ge„ „weest was, gelijk blijkt uijt de hier nevens gaande verklaring van den Capitain Luitenant Bekken en andere Luijden van ouds hier bescheijden, men geen ogenblik in bedenking zoude staan, van te tedoen afbreeken om het instorten voortekoomen; want daar leggen al reeds van langen tijd houte ankers in, die zeker„ „lijk om de zwakte van de muur daar in zullen gelegd zijn en ligtelijk vergaan kunnen, als wanneer wij niet kunnen zien dat de muur zig zoude houden: Dus zijn wij onder weduijdinge van begrip, dat het leggen van een aarde wal, waar toe do w ter 2 de toe dat geheele gedeelte van sloterdijk zoude moeten gedempt worden, hier niet volstrekt nodig is. De Bolwerken aan deeze zijde, bestrij„ „ken tamelijk wel de Revier, door welks nabij„ „heid men niet tedugten heeft, dat een vijand dit gedeelte van de stad aantasten zal, met oogmerk om daar door in de vesting te„ „dringen: en wat betreft het verlengen van de west flank van het bolwerk overijssel dat hier aan verknogt is, zo zoude die verlenginge egter maar zo wijnig kunnen geschieden, dat de defensie in vergelijk van het overige vuur, niet merkelijk zoude ver„ „groot worden: en schoon de Noord oost kant van het Bolwerk stroomburg daar door maar alleen gedeffendeert word, zo legt deeze linie egter zo kort aan de revier, dat ze minder als andere werken een sterke bescherming nodig heeft. Dus Hoopen wij dat uw Hoog Edelheedens ten goede zullen gelieven te duijden, dat we uijt aanmerking van voorsz: bedenkingen en de groote kosten, die de executie van voorsz: ontwerp absoluit na zig zal sleepen, voor eerst nog geen gebruijk gemaakt hebben van Hoogst derzelver g'Eerde qualificatie tot het onder handen neemen daar van te„ meer het voorsz: gebrekkige gedeelte der meerm: 201 meerm: gordijn volgens voorschr: verklaringe, dat gevaar niet loopt van zo schielijk in te storten, als men in den beginne daar van gedagt heeft; En wijl wij juijst bij de van begrip zijn, dat aan de oogmerken van dit plan voor zoo verre het zelve op de verbetering van de vesting zijn opsigt heeft, met ongelijk minder kosten op een toerijkende wijze kan worden voldaan, zo neemen wij de vrijmoedigheid uw Hoog Edelheedens het volgende voor„ „stel tedoen. De gordijn van het bolwerk overijssel, tot aan de Revierpoort, diend zeekerlijk teworden vernieuwt, dog wij meenen dat het genoeg voldoen zal, als men door middel van die vernieuwde gordijn een vijlige Communicatie met „ bolwerk onderhouden kan, waar toe de walgang maar zoo breed behoefd te zijn, dat men daar over de kanons naar en van dit werk heen voeren kan: en wijl het overige stuk van deeze gordijn van de Revierpoort tot aan stroomburg, een bloote walgang is, zonder eenige bedekking, zo zoude het zelve van een borstweiring dienen voor„ „zien teworden, om ook dit gedeelte des noods met jnfanterie te kunnen bezetten welk alles gen alles geschieden kan, zonder dat een ge„ deelte van sloterdijk behoeft teworden gedempt, en dus zoude deeze binnen vaart kunnen worden gelaaten gelijk ze is, tot gerief en blijdschap der ingezeetenen die van voorsz: project min of meer gehoord hebbende, zig daar over al beklaagd hebben, voorts zouden de borstweringen van het bolwerk overijssel, welke gelijk alle de borst„ „weeringen van deze stad, maar min of meer, vier voeten hoog zijn, en dus de bezettinge voor het vuur van den vijand niet genoeg bevijligen, tot ses â ses en een halve voeten dienen verhoogt teworden, te meer om dat het teroeplein, niet hooger als 7. â 8. voeten boven het ordinaire wa„ ter verheven is. Hier door meenen wij dat Cochim aan deeze kant, na maate van het overige gedeelte der vesting, genoeg zal zijn versterkt; want of wel de werken op zig zelven genomen hier zo sterk niet zijn als aan de land zijde, zo zijn dezelve, egter door de nabijheid van de Rivier meer als eenig ander deel der stad, voor een geweldigen aanval bevijligt. De kosten, welke tot de uijtvoering hier van zullen nodig zijn, kunnen wij niet wel bestemmen; dog men duood uw Hoog Edelheedens 202 Edelheedens verseekeren, dat zo uw Hoog Edel„ „heedens mogten goedvinden op dit eerbiedig vertoog in Hoogst derzelver g'Eerd besluijt verandering temaaken, dezelve met de voor het ontwerp van den Heer Leuff gecalculeerde ongelden, geen gelijkheid, hebben zullen. We zeiden hier boven ter loops, dat de borst weeringen van deeze vesting door gaans te laag zijn: Dit gaat zo verre, dat op veele plaatsen het Canon op de wallen tot bij na aan de assen van de affuijten bloot staad Het is dus volstrekt nodig dat dezelve zo hoog opgehaalt worden, datze de bezetting kunnen bevijligen. Het is waarlijk Jammer van deeze vestinge, alzo, niet alleen alle punten aan de land zijde zig redelijk wel defendeeren, maar ook (behalven eenige gebreeken, en uijtcaffelingen zo in de ambrasuur„ gaaten als op de beddings, die men bij tus„ „sen pooren met zuijnigheijd en overleg nog wel zoude weeten te verbeeteren, / de wallen voor het overige tamelijk sterk en van onder met een zeer goede berm voorzien zijn, die hier en daar maar eenige verhelpinge, zo niet maar een enkelde plijsteringe nodig eld heeft; En dus verzoeke wij uw Hoog Edelheedens ootmoedig d wa e

NL-HaNA_1.04.02_3352_0426 view scan ↗

English

humbly to be pleased to authorize us to repair that capital and so very conspicuous defect, if not all at once, then at least gradually. Your Right Honourables see from our conduct that we make no misuse of any authorization; on the contrary, that we observe frugality in everything and incur no expenses unless it is absolutely necessary. Thus we hope that Your Right Honourables will please be assured that we propose the improvement of this not otherwise than out of an absolute necessity. Frugality will be observed in everything regarding this, and nothing will be left unattempted to meet the costs of these and similar highly necessary items in all other respects through frugality and deliberation. The ramparts already shine with good ordnance and also, for the greatest part, with good gun carriages. For a city that is visited by so many foreigners and is not a little an eyesore to our competitors, how formidable, at least how respectable and at the same time how strong would it become if it were once provided with parapets, proportioned to the ordnance and high enough to protect the breast of a man, and thus be able to bear the name of parapets. One also has a very bad practice here: the bastions stand year in, year out, fitted with as many cannons on their carriages as one could possibly use upon them. And because the bad monsoon here is very severe and lasts quite long, the carriages suffer tremendously during that time. This gives hands full of work merely to have as many carriages made as continually become unserviceable, and on that footing it is, so to speak, not possible to obtain a new set of them in reserve. This, however, is strictly necessary, because in time of need one cannot expect long resistance from carriages that have already stood on the ramparts for a long time, and which, although outwardly still good, are rotted in many places or cracked by the heat of the sun. In the bad monsoon nothing can be undertaken against us, and from the landward side it is impossible that any movement toward a siege could be made against us of which one would not be informed in good time. We therefore request Your Right Honourables' permission to make a change in this, and during the bad monsoon to leave mounted only the flank pieces, in order to be protected against a surprise attack, and that we may have all the remaining pieces lowered onto the cannon platforms during that time, so that the carriages can be stored in the quarters. This could be done without any apprehension of danger, because there are no outworks here that must be protected from the main rampart, and thus the faces of the bastions on the landward side are only suitable as counter-batteries in time of siege. And so one would be able to maintain the artillery here in such a condition that one can rely upon it in time of need, whereas otherwise one must with reason fear that the carriages will fail us sooner than the ramparts. We have now already almost renewed our carriages and wheels; what a pity it would be if they did not remain in a good condition for a long time. For our part, we shall see to it that they are properly tarred annually, but it would also contribute uncommonly much to their longer preservation if Your Right Honourables would be pleased to permit us what has been proposed for the bad monsoon. Finally, we find ourselves obliged to mention something further regarding Your Right Honourables' honoured order, contained in the Extract of the General Resolutions of the Castle of Batavia taken in the Council of India on 16 July 1771, henceforth to make no formal or other pay-offs to indigenous soldiers in reduction of their retained back-pay, other than only the ordinary eight good months in the year. A copy of this has been delivered to the Pay Clerks to serve for their guidance and observance. But since the Pay Bookkeeper Coenraad George Feijffer, on the day of our business concerning Your Right Honourables' general rescript on 3 February last, submitted a report regarding this, in which he indicated and was of the opinion that putting that order into practice here could have disagreeable consequences, now that the Easterners here have already been accustomed for some time to receiving full pay, citing that in former times the Eastern soldiers here were indeed held back by no more than 6 months annually, for the reason that they were together on debt accounts here and ran formally at Batavia, but that in the year 1744 they collectively against

Dutch transcription

ootmoedig ons tog tewillen qualificeeren, dat Capitaal en zo zeer in 't oog loopend gebrek, is het dan niet eens klaps, ten minsten gaande weg temogen herstellen uw Hoog Edelheed=s zien uijt onse behandelinge, dat wij van geene qualificatie, eenig misbruijk maken; in tegendeel, dat wij in alles de zuijnigheid behartigen, en niets veronkosten als het geen absoluijt noodzakelijk is, en dus hopen wij dat uw Hoog Edelheedens zig zullen gelieven verrekerd te houden dat wij de verbeeteren hier van niet als uijt een ab„ „soluijte noodzakelijkheid, voordragen: de zuijnigheijd zal daaromtrent in alles be„ tragt worden, en men zal niets onbesogt laten, om de kosten van deze en diergelijke hoog nodige articuls, in alle ander opzig„ „ten door zuijnigheid en overleg te gemoed te komen: nu briljeeren, de wallen reeds met goed geschut en ook al voor 't grootste gedeelte met goede affuijten: een stad die door zo veele vreemdelingen bezogt en onze competiteuren niet wijnig in 't oog steekt; hoe gedugt, ten minsten hoe respectabel en teffens hoe sterken zouden dezelve worden, indien ze eens van borstweeringen voor„ „zien was, geproportioneerd, na het geschut en hoog genoeg om de borst van een kerel te beveijligen 203 te beveijligen, en dus de naam van borstwee„ „ringen te kunnen dragen: Ook heeft men hier een zeer quade methode: De Bolwerken staan Jaar in Jaar uijt beplant, met zo veel kanons op hunne affuijten, als men bij mogelijkheid daar op gebruijken kan; en wijl de quaade mousson hier zeer streng is, en vrij lang duurt, hebben de affuijten geduurende dien tijd geweldig veel te lijden: dit geeft handen vol werks om maar alleen zo veel affuijten te doen aanmaaken, als 'er gestaadig onbequaam worden, en het is op dien voet, om zo tespreeken, niet moge„ „lijk dat men daar van een nieuw stel in voorraad krijgen kan; het geen nogtans. volstrekt nodig is, om dat men in tijd van nood geen lange resistentie tewagten heeft van affuijten, die reeds lange op de wallen gestaan hebben, en schoon uijterlijk nog goed, op veele plaatsen ingerot, of door de hitte der zonne gescheurt zijn: in de quaade mousson kan 'en tegens ons niets onder noo„ „men worden, en van de landzijde is het onmogelijk dat men eenige beweeginge tot een beleg tegens ons maaken kan, waar van men niet in tijds zoude g'informeertals zijn: we verzoeken uw Hoog Edelheedens dierhalven verlof, om daar in verandering temogen 6 „ temogen maaken, en in de quaade mousson alleen gemonteert telaaten, de flank stuk„ „ken, om teegens een overloop te zijn gedekt, en dat we alle de overige stukken, geduu„ „rende dien tijd, op de kanon beddings mog „gen doen neer strijken, ten eijnde de affuijten in de logies te kunnen bergen: Dit zou zonder eenige bedenking van gevaar kunnen ge„ „schieden, om dat hier geen buijten werken zijn, die van de Hoofd wal moeten gedekt worden, en dat alzo de faces van de bolwerken aan de land zijde, alleen geschikt zijn tot contra batterijen in tijd van beleegering: en dus zoude men hier de Arthillerie in zulk een staat kunnen onderhouden, dat men in tijd van nood daar op vertrou„ „wen kan, daar men andersints met reede moet bedugt zijn, dat de affuijten ons eerder als de wallen begeven zullen: wij hebben nu reeds bij na onze affuijten en wielen vernieuwd, hoe Jammer zoude het zijn, dat dezelve niet lange in een goeden staat bleeven; aan onze zijde zullen wij zorgen, dat dezelve jaarlijks behoorlijk geteerd worden, maar ongemeen veel tot langer behoud van dezelve, zouden ook contribueeren indien uw Hoog Edelheedens ons het voorgeslage„ „ne in de quade mousson, geliefden te permitteeren: Eijndelijk 204 Eijndelijk vinden wij ons verpligt nog iets temelden nopens uw Hoog Edelheedens g'Eerde ordre, vervat bij Extract generale Resolutien des Casteels Batavia genomen in Raade van Jndia, op den 16. ' Julij 1771. - om voortaan geene formeele of andere afbetalinge aan Jnlandse militairen, in minderinge van hun te goed behouden gagien te doen, als alleen de ordinaire agt goede maanden in 't jaar, waar van aan de soldij Bediendens copia ter hand gesteld is, om te dienen tot hun narigt en observantie; maar dewijl de zoldij Boekhouder Coenraad George Feijffer, ten dage onzer besoigne over uw Hoog Edelheedens generaale rescriptie op den 3. februarij J. o leeden derweegens een berigt overgeleverd heeft, waar bij hij te kennen gaf, en vermeende, dat het in train brengen dier ordre hier, van onaangenaame gevolgen zoude kunnen zijn, nu de oosterlingen hier reeds aan het genieten van volle gagie eenigen tijd lang gewoon zijn, onder aanhaalinge, dat de oostersche Militairen alhier in vroegere tijden, jaarlijks wel niet meer als 6. maan„ „den waaren blijven staan, om reedenen, dezelve gezamentlijk hier op schuld reekening en te Batavia formeel liepen, dog dat in Anno 1744. dezelve gezamentlijk tee„ „gens on tuk„ zonder K 49 ren : Heeren

NL-HaNA_1.04.02_3352_0430 view scan ↗

English

against the Government had risen up, and had, so to speak, forced them to have their full monthly wages disbursed to them, and with which practice has been continued up to the present, which aforesaid unpleasant incident was treated in the Cochim Resolution of the 21st of August 1745 and described to your High Noblenesses in the dispatch of the 31st of January 1746; thus we have taken into consideration regarding this, that the easterners here have already become accustomed to the disbursement of full wages, and if one were now to withhold four months in the year from them, they might very easily mutiny or proceed to desertion; that also the eastern soldiers, now having to provide themselves here with decent uniforms, namely coats, breeches, and shirts, have need of their wages all the sooner, and moreover find themselves for the most part burdened with wives and children, whom they brought along returning from Ceylon; which matters having been considered by us, we have deemed it best provisionally to suspend the execution of the said order and, by sending a copy of the aforesaid report, to bring the foregoing to the knowledge of your High Noblenesses and to request your further honored approval, as we do herewith in all deference. Meanwhile we have the high honor to remain with the greatest respect, beneath stood, High Noble, Greatly Honorable, Widely Commanding Lords and Right Noble Lords! Your High Noblenesses' humble and obedient servants, was signed, A:n Moens and W: J: van de Graaff, in the margin, Cochim the 1st of May Anno 1772, below, P. S. Herewith we also append authentic copies of the letters and Resolution mentioned in ours of the 4th of March, which were only inserted therein, and we shall carefully preserve the original ola of the King of Cochim in order to be able to make use of it at all times if necessary. The bookkeepers Kellensz: and Benning having been occupied with the trade work later than had been thought, were thus also able to begin later than had been thought in our writing of the 7th of January last with the continuation of their commission concerning the fraud committed in the trade books by Pieter Izaaksz:, and as they were earnestly exhorted to a speedy conclusion thereof, they appear to have hurried themselves in that work so very much in comparison to last year that, after it was already completed, they submitted their report, which seemed all too hasty to us, especially as they showed therein that in the fiscal year of 1756 2/3 to 1761/2 a considerably greater discrepancy was found between the trade books and the specifications of various administrations than in the previous years, to wit, more in the books than in the specifications, with the declaration of being unable to demonstrate by how much the Company was truly injured in those years, because the books were not only poorly kept, counted, carried over, and closed, but also, as well as the specifications, had been so scraped and personally altered by Pieter Jzaaksz:, and various books and papers were missing and lost, so that there is no possibility of untangling that confused affair and whether anyone else has a share in it besides the said Jzaaksz:; and as it caught our attention at once, besides the aforesaid general expressions, that they had neglected to confront the booklets of the outer trading posts against the books of Cochim and the account of the petty cash, we have deemed it best to return that report to their hands, in order to re-examine the matters anew with greater accuracy, to the end that this thorny matter may not be rendered defective by confusion and faulty reports; as soon as they have completed the work on this, their further findings will be sent to your High Noblenesses at the first opportunity. Ad:r: Prolvliek. Agrees. H Schutt, Secretary. To the Right Noble Honorable Lord Adriaan Moens, Commander and Supreme Ruler of the Malabar Coast, with the dependencies thereof. Right Noble Honorable Commanding Lord! Pursuant to Your Right Noble Honor's highly esteemed order, the undersigned, as specially appointed commissioners, have proceeded to the fortress of Coilan, and there, in the presence of the junior merchant and Chief there Jean Roster, have accurately inspected the damages that were pointed out to us by him, but found that no calculation can be made for the same, while the sea steadily exerts more and more force upon it, as is demonstrated below, namely: at the water battery behind the muster-master's dwelling, the curtain wall has collapsed, and the point threatens to undergo the same, while no more than four feet of space was found, which is already undermined.

Dutch transcription

„gens de Regeering waaren opgestaan, en dezelve, om zo te zeggen als genoodzaakt hadden om hun volle gagie smaandelijks te laaten verstrekken, en waar meede zedert tot dus lange is gecontinueert, welk voorsz: onaangenaam geval verhandelt is bij Cochimse Resolutie van den 21. ' Aug=o 1745. en bij missive van den 31. ' Januarij 1746. — aan uw Hoog Edelheedens beschreeven, zo hebben wij hier op in aanmerkinge genoo„ „naen, dat de oosterlingen hier dus aan de verstrekkinge van volle gagie reeds zijn gewoon geworden, en zoo men thans vier maanden in het Jaar van hen wilde inhou„ „den, dezelve wel ligt aan het muijten zouden slaan, of tot de rertie overgaan; dat ook de oostensche Militairen, zig thans hier moeten„ „de voorzien van ordentelijke monteeringe, namentlijk Rokken, Broeken en Hemden, Hunne gagie te eerder noodig hebben en booven dien zig meerendeels belaaden vinden met vrouwen en kinderen, die ze van Ceilon terug komende meede gebragt hebben; welk een en ander bij ons overwogen zijnde, hebben wij best geoordeelt, de uijt„ „voeringe der gem: ordre bij provisie te surcheeren en uw Hoog Edelheedens, onder toezending van Copia van voorsz: berigt 205 berigt, het voorenstaande ter kennisse te bren„ „gen, en derzelven nader geherd goedvinden te verzoeken, zoo als wij in alle Eerbied doen bij deesen. Inmiddels hebben wij de hooge Eere met de meeste eerbied te verblijven /:onderstond:/ Hoog Edele, groot Agtbaare, Wijdgebiedende Heere, en wel Edelen Heeren! uw Hoog Edelhee„ „dens onderdanige en gehoorzame dienaren /was getekend:/ A:n Moens en W: J: van de Graaff /:in margine:/ Cochim den 1. ' Meij A:o 1772. /:lagers/ P: S: Hier nevens voegen wij nog authenticque afschriften, van de brieven en Resolutie vermeld bij den onsen van den 4. ' maart, dewelke daarbij maar alleen geinsereerd zijn, en wij zullen de origineele ola van den koning van Cochim zorgvuldig bewaren om daar van des noods al„ „toos gebruijk te kunnen maken. De Boekhouders Kellensz: en Benning later als men gedagt had, met het negotie werk g'occu„ „peerd geweest zijnde, hebben dus ook later als men bij ons schrijvens van den 7. Januarij Joleeden gedagt had, kunnen beginnen met het vervol„ „gen hunner Commissie nopens de gepleegde fraude bij de Negotie boeken door Pieter Izaaksz:, en dewijlse tot een spoedige afdoe„ „ninge daar van met ernst aangemaand zijn, zo schijnen zij zig in dat werk zo zeer in vergelijk van verleede Jaar, ver„ haast z: 45. 1745 oo 14 „haast te hebben, dat zij na dat dezen reeds ver„ „vaardigt was hun Rapport ingaven, het geen ons al te schielijk voorquam, temeer ze daar bij aanthoonden dat in de boekjaar van 1756 2/3. tot 176½. een Considerable grooter verschil ge„ „vonden was tusschen de Negotie boeken en de specificaties van diverse administraties, als in de voorige jaaren, teweeten meerder bij de boeken, als bij de specificaties, met betuijginge niet te kunnen aantoonen, voor hoe veel de Comp:e wezendlijk in die jaaren benadeelt is, om dat de boeken niet alleen qualijk gehou„ „den, geteld, overgedragen en afgesloten, maar ook zo wel als de specificaties door Pieter Jzaaksz: zodanig geschraapt en eijgenhandig veranderd, mitsgaders verschijde boeken, en Papieren absent en tesoek gebragt zijn, dat 'er geene mogelijkheijd is die verwaarde affaire uijttepluijsen en daar aan iemand anders deel heeft als gem: Jzaaksz: en dewijl ons behalven voorsz: generaale uijtdrukkin„ „gen al ten eersten in 't oog viel, dat zij ver„ „zuijmd hadden de boekjes van de buijten Comptoiren tegen de boeken van Cochim en dereek: van de kleene kassa te confronteeren, zo hebben wij best g'oordeelt, dat Rapport aan hun weder ter hand testellen, om het een en ander met meerder accuratesse opnieuw nategaan 206 Nage zien nategaan, ten eijnde die neetelige zaak door geen confurie en viticuze rapporten misselijken temaken, zoo dra zij daar„ meede gedaan werk zullen hebben gekree„ „gen, zullen hunne nadere bevindinge uw Hoog Edelheedens bij eerste gelegentheid toezenden Ad„r„ Prolvliek Accordeert. H Schutt Secret:s ver„ 17 ge d 1 als de 3/8. ge n „ dig „ 1 kin„ ee eeren een w en 207 Aan den WelEdele Agtb: heer Adriaan Moens, Commandeur en Oppergebieder der Custe Mallabaar, met de Resorte van dien. WelEdele Agtb: gebiedende Heer! Jngevolge UwelEd: Agtb: hoog G'eerde ordre hebben de ondergetekendens als expresse Gecommit„ teerdens zig vervoegd na 't fortres Coilan, en aldaar ten overstaan van den ondercoopman & Opperhoofd aldaar Jean Roster, de gebruken naauwkeurig bezigtigt, die ons door denselven zijn aangetoond, dog bevonden als dat op deselve geen calculatie te maaken is, terwijl de zee gestradig meer en meer op het zelve geweld doet, gelijk hier onder aangetoond werd, namentlijk: Bij het waterpart agter de musters wooning, is de Courtin ingestord, en de punt drijgt het zelven meede te zullen ondergaan, terwijl niet meer als vier voeten spasie bevonden werd, die beruids ondermijnd is. 207 Aan den WelEdele Agtb: heer Adriaan Moens, Commandeur en Oppergebieder der Custe Mallabaar, met de Resorte van dien. WelEdele Agtb: gebiedende Heer! Jngevolge UwelEd: Agtb: hoog g'eerde ordre hebben de ondergetekendens als expresse Gecommit¬ teerdens zig vervoegd na 't fortres Coilan, en aldaar ten overstaan van den ondercoopman & Opperhoofd aldaar Jean Roster, de gebruken naauwkeurig bezigtigt, die ons door denselven zijn aangetoond, dog bevonden als dat op deselve geen calculatie te maaken is, terwijl de zee gestaadig meer en meer op het zelve geweld doet, gelijk hier onder aangetoond werd, namentlijk: Bij het waterpast agter de musters wooning, is de Courtin ingestord, en de punt drijgt het zelven meede te zullen ondergaan, terwijl niet meer als vier voeten spasie bevonden werd, die bereids ondermijnd is.

NL-HaNA_1.04.02_3352_0438 view scan ↗

English

The quay is also in a poor state, as it is decaying more and more due to the heavy seas, and there is some undermining that causes collapses. Beside the point Dordregt on the sea side, the foreground has also been severely undermined and collapsed by the heavy seas, so that the said place runs the same danger as the point and curtain of the water level. Beneath the point Mallabaar or flag point, a batardeau ought to be raised, as the beach is too low and the sea would unite with the moat, thus putting the point in great danger of collapsing; also, a large piece has already fallen out of the wall due to the beating of the sea. Concerning the points on the landward side, they require no other repair than the cutting out of overgrown branches and bushes, and then to be plastered again. The gate in the curtain Dordregt needs to be renewed, as does the walkway which is above it, and the two gates that close off the powder magazine also need to be renewed. Concerning the buildings in general, they require repair to roofs, doors, windows, etc. Herewith, they hope to have fulfilled their commission according to Your Right Honorable's highly esteemed order; in that confidence, they take the honor of calling themselves with all high esteem. [was written below:] Right Honorable, Commanding Sir [lower:] Your Right Honorable's humble and obedient servants. [was signed:] J: van Alsbeek, J: H: D: Stip, J: W: de Graaf, and A: van Eyk. [in the margin:] Cochim, the 4th of March, Anno 1772. Agrees. H Schutz Examined Schemering secretary [illegible] Today, the first of February 1772. Appeared before me, Abraham Rudolf Schutz, junior merchant and Secretary of Policy of this Malabar Commandment under the authority of the Right Honorable Sir Adriaan Moens, Commander and Chief Ruler of the aforementioned Coast, together with Canara and Wingurla, in the presence of the undermentioned witnesses: The Valiant Sir Anthonij Bekker, Captain Lieutenant of the military, having resided at Cochim and possessing full knowledge for 28 years; The titular junior merchant and paymaster Coenraad George Seijffer at Cochim, 25 ditto; The Master of Equipage Lourens Buijs, 18 ditto; The junior merchant and first sworn translator Siemon van Tongeren, 30 ditto; The ensign Podlieb George Febhard, 6 ditto; The ensign Hendrik Deedel, 7 ditto; The chief surgeon Louis Quintin Martinseert, 32 ditto; The ordinary fireworker Andries van Eijk, 20 ditto; The bookkeeper and first clerk Iohan Andries Daimichen, 20 ditto; The dispenser Hendrik Dirksz, 16 ditto; The beach warden Iacobus Coenraadsz, 28 ditto; The Cranganore Resident Willem Lucasz, 15 ditto; The sworn clerk Adriaan Poolvliet, 20 ditto; The sworn clerk [illegible], 24 ditto; The [illegible], 26 ditto; who, at the requisition of the Right Honorable Sir Commander and Chief Ruler of this Coast mentioned in the header hereof, jointly and each in particular attested and declared that the curtain wall from the point Overijssel up to the River Gate, upon their arrivals and during the time that each of the attestants has been here in Cochim, has leaned over toward the inner side, or toward the Sloterdijk, just as can still be seen today, such that in all those years it appeared to the eye as if it threatened to collapse into the Sloterdijk, but that it has remained standing like that for all those years, and none of the attestants can see that any worsening or greater leaning has occurred, but only that down at the Sloterdijk, through the entering and exiting of vessels, the wall has hollowed out somewhat more. Examined. Wherewith the joint attestants ended their declaration, testifying that the same contains the pure and upright truth, giving as reason for their knowledge that it caught the eye of each of them upon their arrival, and thus they remember the condition thereof very well, remaining prepared to solemnly confirm this their attestation with an oath, if desired. Three identical engrossed copies of this have been issued. Thus done and attested within the city of Cochim, at the Secretariat of Policy, on the day, month, and year aforesaid, in the presence of Carolus van der Sloot and Pieter Schemering, clerks engaged as witnesses hereto. [was signed:] A: Bekker, C: G: Seijffer, L: Buijs, J: V: Tongeren, G: P: Febhard, R: Deedel, L: Q: Martinsart, A: V: Eijk, J: A: Daimichen, H: Dirksz, J:s Coenraadsz, W: Lucasz, and A: Poolvliet. [in the margin:] in our presence [was signed:] C: V: Der Sloot and P:r Schemering [lower:] to my knowledge [was signed:] A: R: Schutz, secretary. Agrees. H Schutz secretary Batavia. To His High Nobility, The High Noble, Right Honorable Sir, Petrus Albertus van der Parra, Governor General, Together with The Honorable Gentlemen Councillors of the Netherlands Indies. High Noble, Right Honorable, Wide-Commanding Sir, Honorable Gentlemen. By this we take the liberty, in hope of favorable interpretation, of speaking with Your High Nobilities in the most respectful manner concerning the article of our revenues, which we could not conveniently find room for in the separate letter departing today. The private trade granted to us by Your High Nobilities, by separate dispatch of the 25th

Dutch transcription

1 De caaij is meede in een slegte staat, terwijl deselve door de zwaare zee meer en meer vervald, en eenige ondermijninge zyn, die instortinge veroor¬ zaaken. Bezyde de punk Dordregt aan de Zeekant, is de voorgrond door de zwaare zee, meede sterk onder¬ „mijnd en ingestord, zoo dat gemelde plaats het zelve gevaar loopt, als de purt en Courtin van't waterpas. Onder de punt Mallabaar of vlagge Punk diend een beer geligt te werden, terwijl de strand te laag is, en zig de zee met de gragt vereenigen zoude, en dus de punt in groot gevaar van in„ stortinge stellen, ook is bereeds uijt de muur door 't slaan der zee, een groot stuk uijtgevallen. Betreffende de punten aan de landkand, de„ zelven vorderen geen andere reparatie, als de uijt¬ gewassene takken en bossen uijt te kappen, en als dan wederom te plijsteren. De poort in de Courtin Dordregt diend vernieuwd te werden, zoo meede den overloop, die booven dezelven is, en de twee poorten die het kruithuijs afsluijten dienen meede verneeuwd te werden. Betreffende de Gebouwen in't generaal, desel van 208 ven veruetschen reparatie aan daken, deuren, veng¬ „sters enz: Heer meede verhoopen onze Commissie na UwelEd Agtb: hoog g'eerde ordre te hebben volbragt, in die vertrouwen matigen zij hun de Eere aan, met alle hoog agtinge zig te noemen. /:onderstond:/ WelEdele Agtb: Gebiedende Heer /:lager:/ UwelEdele Agtbaares onderdaanige & Gehoor zaame Dienaaren. /:was Getek:/ J: van Alsbeek, J: H: D: Stip. J: W: de Graaf en A: van Eyk: /:in margine:/ Cochim den 4:' Maart A=o 1772. Accordeert. H Schutz Nagesien Schemering secret:s selve oor 209 ho Lijnland 9 5 ed 5 8 3. 3 v yharoes d G de 8 s E Mallabaar. bijlon ik 3 v Ve ƒ Spi 6 3 50 6 5 de 210 Heden Den Eersten Februarij 1772. Compareerde voor mij Abraham Rudolf Schutz onderkoopman en Secretaris van Politie deses mallabaas„ „sen Commandements onder het Gesag van den Wel Edelen Agtbaren Heer Adriaan Moens, Commandeur en oppergebieder der even gem: Kuste, Mitsgaders Canara en Winqurla /:Present de naargenoemde getuijgen:/ Den Manhaften Heer Anthonij Bekker Capitain Luitenant militair te Cochim Verblijf gehouden hebbende en volkomen kennisse dragende 't zeder 28. Jaren Den Tit:s onderk: en zoldij boekhouder Coenraad George Seijffer op Cochim - - - - - 25. d=os. Den Equipagie meester Lourens Buijs - - - - - - - „ „. . - - - 18. „ Den onderk: en Eerste gesw: Translateur Siemon van Tongeren „ „. - - - - 30. „. 6 Den vaandrig Podlieb George Febhard - - - - - - -„ Den _. Hendrik Deedel. - - Den opperchirurgijn Louis Quintin Martinseert - - - „ Den ordinair Vuurwerker Andries van Eijk - - - - - „ Den Boekhouder en Eerste klerk Iohan Andries Daimichen„ „ _. „ Dispencier Hendrik Dirksz- _ o „. Strandwagter Iacobus Coenraadsz:„ „ Cranganoorse Resident Willem Lucasz: „. „. Gestr: klerk Adriaan Poolvliet - - - „ dewelke ter Requisitie van den Wel Edelen Agtbaren Heer Commandeur en oppergebieder deser Custe, in den hoofde deses gemeld te samen, en ider in 't bijsonder attesteerden en verklaarden, dat de gordijn-muur van de punt overijssel tot aan de Revier poort, met hunne komsten, en geduuren„ de den tijd, dat een ieder der attestantan hier op Cochim is geweest, heeft overgehangen na de binnen kant, of na de Sloterdijk zodanig als heden ten dage nog te sien is, in„ voegen het zig al die Jaren aan het gesit heeft vertoont, of die drijgde in de sloterdijk te storten, dog datze al die Jaren zodanig is blijven staan, en geen de attestanten kan sien, dat daar aan verargeringe of meeder overhellinge is gekomen, maar dat alleen onder aan de sloterdijk, door het uijt en invaren der vaartuijgen, de muur wat meerder uijtgehalft is. „ - 32. „: „ - - - 20. „. „. - - - 20. „ „. - - - 16. „. „. - - - - 28. „ „. - - - - 15. „ „ - - - 20. „ „. - - - - 24. „ ƒ „ Waar „ „. „. — „. _ o 7. g - - „ - - - - 26. „ Nagesien Waar meede de gesamentlijke Attestanten hunne Verklaringe eijndigden met betuijging deselve te behelsen de Suijvere en oprechte waarheijd, gevende reden van Weten¬ schap, dat een ieder van hen, het bij hunne komste, is in 't oog gevallen, en hen dus de gesteldheijd derselver heer Wel heugd, bereijd blijvende, dit hun g'attesteerde met Eede solem„ „neel te bekragtigen, des begeerd werdende. zijnde hier van afgegeven drie eensluijdende grossen. Aldus Gedaan en Geattesteerd, binnen de stad Cochim, ter Secretarije van Politie, ten dage, maand en Jare voorm:t, in presentie van Carolus van der Sloot en Pieter Schemering kleoken als getuijgen hier toe genomen /:was get:/ A: Bekker C: G: Seijffer, L: Buijs F J: V: Tongeren, G: P: Febhard, R: Deedel, L: G: Mat„ J: A: Daimichen, H: Dirksz „tinsart, H: V: Eijk J:s CoenraadsL, W: Lucasz en A: Lootvliet /:in margine:/ ons present /:was get:/ C: V: Der Sloot en P„r Schemering /:lager:/ in mijn kennisse /: was getl:/ A: R: Schutz secretaris. Accordeerd. H Schutt secret:s Meijn ƒ E E Batavia. Aan zijn Hoog Edelheijd„ Den Hoog Edelen, Groot Agtbaaren Heer, Petrus Albertus van der Parra Gouverneur Generaal Benevens De wel Edele Heeren Raaden van Nederlands India Hoog Edele, Groot Agtbaare, Wijdgebiedende Heere, Wel Edele Heeren Bij dezen gebruijken wij de vrijheijd uw Hoog Edelheedens in hoop van Gunstige welduijdinge op 't Eerbiedigste te onderhouden over het articul van onse Jnkomsten, dat wij in de Heden afgaande apparte Brief niet welvoegelijk plaats wisten tegeven. De door uw Hoog Edelheedens ons toegestaane particulier handel, bij aparte Missive van den Copia Apart 211 25: En 1

NL-HaNA_1.04.02_3352_0450 view scan ↗

English

25: December: 1770: we reasonably consider as a token of favor that obliges us to gratitude, but because the trade of the Company begins to be on such a good footing that, if our full demand could have been met, this year would have been very profitable for Her Nobility, and we flatter ourselves not without reason that trade will increase more and more and improve in various articles; to which the advantageous situation of this place gives very much hope, and we promise your High Nobilities that we shall seek to contribute to it with zeal and fidelity, thus also setting aside all self-interest, everything that in any way depends on us, so we prefer not to profit from the aforementioned token of favor from your High Nobilities, just as the first undersigned, since his arrival here until now, has made no use of it, in order to have no other interest than to promote the interests of the Company to the utmost of our ability. We therefore take the liberty to very respectfully request your High Nobilities that we may again enjoy the douceur granted by your High Nobilities by resolution of the 9: April 1769: to the Commander and second-in-command and since increased to five percent, whereby the interest of the two first servants of this Coast, who actually manage the trade of the Company, remains most closely tied to the interest of Her Nobility, and everything is prevented that can give occasion to any separate interest, which cannot always be well combined with the interests of the Company. Furthermore, we request permission to represent to your High Nobilities and to assure in good conscience how the necessary and unavoidable expenses, especially of the first undersigned, run quite high here, besides the outward appearances, which cannot be neglected without much scandal, to which also very much contributes the constant arrival of strangers, and among them often very honorable people, who are accustomed to being decently entertained, which does not happen without expense: one is even ashamed to represent all that in this way; yet it is truly so: The allotted commission of 5: percent on the sale alone gives, in comparison therewith, a very limited and, if we may say so, no sufficient livelihood, as has already been shown by the late Noble Gentleman Senff in his treatise on Malabar, and we hope that your High Nobilities, out of consideration for the reasons thereof, will please excuse us for taking the liberty to very humbly request Most Themselves that the granted commission on the sale, through the goodness of your High Nobilities, may also be extended to the purchase of pepper, in order to be able to subsist and not need to concern ourselves with anything other than the fulfillment of our duties towards the Company, which we hope to amply compensate through our zeal to do well, in its greater profits. Meanwhile we have the high honor to remain with the greatest respect /:underneath:/ High Noble, Grand Honorable, Far-Ruling Gentlemen, and Right Noble Gentlemen /lower/ your High Nobilities' humble and obedient servants (was signed/ A: Moens and W: I: v: d: Graaf /:in margin:/ Cochin the 1: May 1772: Agrees H Schutz secretary

Dutch transcription

25: xber: 1770: merken we billijk aan, als een gunttbewijs, het welk ons tot dankbaarheid verpligt, dog wijl den Handel van de Comp: op zul„ „ken Goeden voet begint te staan, dat indien onsen vollen Eijsch had kunnen voldaan worden, dit Jaar voor Haar Edele zeer voordeelig zoude geweest zijn, en we ons niet zonder grond vlijen, dat de Handel meer en meer zal toeneemen en in verschijde ar= „ticelen verbeeteren; waar toe de voordeelige gelegentheijd dezer plaats zeer veel hoop geeft, en we uw Hoog Edel= „heedens belooven, dat we met ijver en trouwe dus ook met afsien van alle eijge belang, daar toe alles zullen zoeken toetebrengen wat maar eenig zinds van ons afhangelijk is, zo willen wij van voorsz: uw Hoog Edelheedens Gunst bewijs liever niet pro= „fiteeren, gelijk dan ook den Eerstgeteekende 't ze= „dert zijn komste alhier tot nog toe, daar van Geen Gebruijk Gemaakt heeft, om alzo Geen ander intrest te hebben als sComp:s belangens naar uijtterste vermogen te bevorderen. Wij neemen dierhalven de vrijmoedigheijd uw Hoog Edelheedens zeer Eerbiedig te versoeken, dat wij wederom mogen Genieten het douceur door uw Hoog Edelheedens bij rezolutie van den 9: April 1769: aan den Commandeur en becunde toegelegt en zedert tot vijf tenhondert vermeerdert, waar door 212 door het belang van de twee eerste Bediendens dezer Alles Custe, die eijgentlijk den handel van de Comp: be= stieren, aan het intrest van Haar Edele op het nauwtte verknagt blijft, en voorgekomen word, alles wat aanlijding Geven kan tot eenig afzon= „derlijk intrest, het welk niet altoos met de be= „langen van de Comp: wel te Combineeren is. Nog versoeken we verlof om uw Hoog Edelhee= „dens temoogen vertoonen en na Gemoede te verzee= „keren, hoe de nodige en onvermijdelijke verteerin= „gen, inzonderheijd van den Eerstgeteekenden, hier vrij hoog loopen, behalven de uijtterlijkheeden, die zonder veel opzien niet natelaaten zijn, waar toe ook zeer veel contribueert het gestaadig aan „koomen, van vreemde en daar onder al veel tijds zeer honette lieden, die Gewoon zijn ordentelijk onthaelt teworden, het Geen niet zonder kosten toegaat: men is zelfs beschaamd om dat alles zo te vertoonen; dog het is waarlijk zodanig: De toegelegde provisie van 5: p:r C=to op den verkoop alleen, Geeft in vergelijk daar van een zeer bepaald, en als we het zeggen mogen, Geen toerijkend bestaan, zoo als zulks, door wijlen Den Edelen Heer Senff bij desselfs verhandeling over de Mallabaar ^reets vertoont is, en we hoopen, dat uw Hoog Edelheedens 130 met de reedenen van dien, uw Hoog Edelheedens ^ ons m uijt Consideratie van dien zullen gelieven ten goede bu„ 1„-11„ te houden ƒ fe b 2vp t 1709 2: Nagezien, Ed: poorleel te houden, dat we de vrijheijd Gebruijken, Hoogst Dezelve zeer ootmoedig te vertoeken, dat de toegestane provisie op den verkoop door de Goedheijd van uw Hoog Edel= „heedens, ook tot den inkoop van de Peper moge werden uijtgestrekt om te kunnen bestaan en niet nodig te hebben ons met riets anders te bemoei= „en als met het volbrengen van onze pligten om= „trend de Comp: die wij hoopen door onzen ijver om wel te doen, in hare meerdere winsten dit rijkelijk te zullen vergoeden. Inmiddels hebben wij de Hooge Eere met de meeste Eerbied teverblijven /:onderstond:/ Hoog Edele groot Agtbare wijdgebiedende Heere En wel Edele Heeren /lager/ uw Hoog Edelheedens on= „derdanige en Gehoorzame Dienaren (was gete= „kend / A: Moens en W: I: v: d: Graaf /:in mar= „gine:/ Cochim Den 1: Meij 1772: accordeert H Schutz secret:s - ƒ

NL-HaNA_1.04.02_3352_0453 view scan ↗

English

213 Brief Description of the incurred charges and obtained profits in the Commandement of Mallabaar during the financial year 1769/70, with comparison against those of the year 1768/69, to which are added the reasons serving to indicate the origin of the increases and decreases, as follows: Netherlands Money: Agrees with . . . . 24: 5:8: The general charges of Cochim and its surrounding outposts, together with the subordinate offices and their respective districts, have amounted from 1 September anno 1769 to 31 August 1770, according to the designated accounts, namely: At the Head Office Cochim, At Cananoor, At Coilan, At Chittua, At Porca, Across the Entire Mallabaar: Salaries on land . . . . . . . . ƒ73736:5:— ƒ6788:14:— ƒ4140:7:8: ƒ1051:2:— — — — — ƒ85716:8:8: Ordinary rations . . . . . . . . 3156:10:8: 257:15:8: 1456:5:— 394:8:8: 96:—:— 36111:7:8: Ordinary expenses . . . . 21618:12:— 2152:1:8: 1417:15:8 529:1:8 172:19:— 25890:19:8: The Hospital . . . . . . . . . . . . 2683:15:— 13:—:— 94:19:— — — — — — — — — — — — 2791:14:— Native servants . . . . 4548:10:8: 441:12:— 964:15:— 1002:6:— 316:16:— 7273:19:8: Account of Condemnation 1554:1:— — — — — — — — — — — — — — — 1554:1:— Carpentry and repairs . . . . 4187:14:— 603:16:— 7461:14:— 72:—:— 24:—:— 12349:4:— Fortifications 10186:3:— 55:4:— 456:18:8 1267:1:8 — — — — 11965:7:— Expenses of shallops 7617:1:— — — — — — — — — — — — — — — — 7617:1:— Expenses of ships 13270:11:— — — — — — — — — — — — — — — — 13270:11:— Account of Interest 2047:9:8: — — — — — — — — — — — — — — — — 2047:9:8: Expenses of the Company's slaves 69:8:8: — — — — — — — — — — — — — — — — 69:8:8: The Account of gifts 1217:13:— 35:17:— — — — — — — — — — — — — 1253:10:— Extraordinary expenses 3689:12:8: 503:15:8: 7:4:— 152:12:8: — — — — 4353:4:8: a sum of ƒ212264:5:8: Together . . . . 170:14 1:1: ƒ59:1:8 469:2 ƒ609:1: Summary ƒ212264:5:8: Porca . . . . . . . . . . . . . . 609:15:— Cannanoor ƒ1317:15:8: Coilan . . . . . . . . . . 15999:18:8: Chettua . . . . . . . . . . . . . . . . 4469:2:— 1826:15:8: ƒ17590:19:— Carried forward ƒ212264:5:8: The general profits and revenues during the aforementioned period consist of the following, namely: In profits At Cochim ƒ118979:4:8: and at Coilan 438:10:— ƒ119417:14:8: From this is deducted what this account was in arrears upon the closing of the books at the Residency Porca to 47:13:— Cannanoor 253:11:— Chettua 438:10:— ƒ118678:—:8: Revenues At Cochim ƒ63125:3:— Cannanoor 651:7:— Coilan 9042:17:— and Chettua 2058:3:8: 74877:10:8: ƒ192468:9:8: The general profits and revenues deducted from the charges, thus it will be shown that the latter exceeds the former by a sum of ƒ14795:16:— Comparison. The general charges and expenses amounted in the financial year of 1768/69 to ƒ197830:13:— ditto in 1769/70 to 212264:5:8: The lesser subtracted from the greater, thus it is established that they are higher in this financial year of 1769/70 by ƒ14433:12:8: And the total profits and revenues were in the financial year of 1768/69 ƒ207705:1:— and ditto ditto ditto in 1769/70 192468:9:8 The lesser deducted from the greater, thus it will be shown that that of the former exceeds the present by an amount of 15236:11:8: The higher charges and lower profits being added together, thus it is established that this Commandement in the financial year of 1769/70 compared to that of 1768/69 has fallen behind by an amount of 29670:4:— As the origin thereof will be further shown in the continuation hereof; namely: The General Charges and Expenses. Anno 1769/70 Anno 1768/69 Anno 1769/70 higher, lower At this Head Office Salaries on land higher ƒ73736:5:— ƒ67940:19:8: ƒ5795:5:8: — — — — This increase originates from the higher salaries paid to the actual European servants stationed here, the premium calculated thereon, and surplus furnished at Colombo to 4 soldiers, for 2 months advance payment furnished to 60 eastern military personnel who arrived here per the ship Azia from Batavia; and the furnished blankets etc. etc.

Dutch transcription

213 Beschrijving De Generaale Accordeert met . . . . 24: 5:8: Lasten van Cochim, en dies omseggende buijten Losten, beneevens de onderhoorige Comptoiren met der selver Resorten, hebben sedert Primo September anno 1769: tot ultimo Augustus 1770: na uijtwijsing der na tenoemene Reekeningen Namentlijk: Te Te over Geheele Ten Hoofdomptouir Te Cochim, Cananoor, Coilan, Chittua, Porca, Mallabaar, Zoldijen aan Land. . . . . . . . - ƒ73736:5:—ƒ6788:14:— ƒ4140:7:8:ƒ 1051:2:-. - . - - - - - - ƒ85716:8:8: Randsoenen Ordinair. . . . . . . . . . . . „ 3156:10: 8:„ 257:15:8:„ 1456:5:—„ 394:8:8:„ 96:—: —„ 36111: 7: 8: Onkosten ordinair. . . . - -. - „ 21618:12:—„ 2152: 1:8:„ 1417:15:8„ 529:1:8„ 172:19:—„ 25890: 19:8: 'T Hospitaal. - - - - - - - - - - - - „ 2683:15:—„ 13:—:—„ 94:19:-„ - - - - - - - - - - - - - - - „ 2791:14:—. Jnlandse Dienaaren. . . . - -. „ 4548:10:8: „ 441:12:—„ 964:15:—„ 1002:6:-„ 316:16:—„ 7273:19:8: – – – – – – – – – - – – – – – – – – - – „ 1554:1:–. Reekening van Condemnatie - - - - - - „ 1554:1:-„ - - - - - Timmeragie en Reparatien. . . - - - - - „ 4187:14:—„ 603:16:—„ 7461:14:—„ 72:—: —„ 24:—:—„ 12349:4:— Fortificatien - - - - - - - - - - - -„10'186:3:-„ 55: 4:—„ 456:18:8„ 1267:1:8„-. - - - - „ 11965: 7:— Onkosten van Chialoupen - - - - - - - „7617:1:-„ - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 7617: 1:— Onkosten van Scheepen - - - - - - „ 13'270:11:-„ - - - - - - - Reekening van Jntressen. - - - - - - - - - „ 2047:9:8:„ - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 2047: 9: 8: Onkosten van 's Comp„s ijf- Eijgenen. . . . „ 69:8:8:„ - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 69: 8:8: De Reekening van Schenkagie - - - - - - - „ 1217:13:—„ 35:17:-„- - - - - - - - - - - - - - - - - „ 1253:10:—: 6 Onkosten Extra Ordinair - - - - - - „ 3689:12:8: „ 503:15:8:„ 7: 4:- „ 152:12:8:- - - - - - „ 4353: 4:8: een Tantum van - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ212264: 5: 8: - - - - - - „ 13270:11:–. Te samen . . . . 170:14 1:1: ƒ59:1:8 469:2 ƒ609:1: Sommarium - - - - - - ƒ212264: 5: 8: Porca. . . - - - - - - - - - - - - - - „ 609:15: —. Cannanoor - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 1317: 15:8: Coilan. . . . . - - - - - - - - - . . - „ 15999:18: 8: Chettua. . . _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ „ 4469:2:—. Te Korte der gevallene Lasten en behaalde voordeelen ten Comman= demente Mallabaar geduurende het Boekjaar 17 8e/70: met vergelijking tegens die van Anno 17 6/9: waar bij de Reeden gevoegd zijn, die tot aanduijding van den oorspronk der Meer en Minderheeden dienen; Gelijk volgd: Nederlands Geld: Die overschrijve G t . . „ 1826:15:8:ƒ17590:19:—. Aan winsten Te Cochim 47:13:—. en „ Coilan - - - - - - - - - - - - - - „ 438:10:— ƒ119417:14:8: Hier van Gedetraheerd werd 't geen deeze Reekening onder het sluijten der Boeken ter Residentie Porca ten agteren gestaan heeft tot. -- - „ Cannanoor - - - - - - - - - - - - - „ 253: 11:—. „ Chettua - - - - - - - - - - - - - - - „ - - - - - - - - - - - - ƒ118678: —. 8: Inkomsten Te Cochim Cannanoor - - - „ Coilan - - - - - - - - - - - - -„ 9042: 17:—. De Generaale winsten en Jnkomsten, van de Lasten Gedetraheerd, zoo zal komen te blijken dat de Laatste D' Eerste komt te surmonteeren Een somma van - - - - - - - - - - ƒ14'795: 16: —: Vergelijking. De Generaale Lasten en Ongelden. Hebben in het Boekjaar van 17 16/9: Gemonteerd - - - - - - - - - - - ƒ197830:13:—: _:o - - - - „ 17 /70: -- – -- - - - . „ 212264:5:8: Het minder van 't meerder gesubtraheerd, zoo komt te consteeren dat die in dit Boekjaar van 17 23/70: meerder zijn - - - - - - - - - - - - - -—ƒ14433:12:8: En de Gesamentlijke winsten en Inkomsten. zijn in het Boekjaar van 17 86/9: groot geweest - - - - - - - - - - ƒ207705: 1:— en - - - „ - - „ - - „ —=o - - - „ 17 28/70: _=o _=o - - - - - - - - – – – „ 192468: 9:8 Het minste van 't meeste afgetrocken, zoo zal komen te blijken, dat die van de voorige teegens het Presente meerder komt te surmonteeren Een bedraagen van - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 15236:11:8: De Meerder Lasten, en mindere winsten te samen g'addeert zijnde zoo komt te consteeren dat dit Commandement in het boekjaar van 17 8/70: in vergelijking van die van 17 38/9: ten agteren is Geraakt, Een montant van - - - - - - - - - - - - - - - - „ 29670: 4:— Gelijk d'oorspronk van dien in 't vervolg deezes nader aangethoond zal werden; teweeten: De Generaale Lasten en Ongelden. A=o 17 8/70: A=o 178/70: A„o 17 6/9: meerder, minder Ten Deezen Hoofd Comptoir zoldijen aan Land meerder - - - - -ƒ73736:5:— ƒ67940:19:8:ƒ5195:5:8:- - - - - - Deeze vermeerdering is oorspronkelijk door de meerder betaalde zoldijen aan de actueele alhier bescheijdene Europeese dienaaren, de daar op bereekende opgeld, en verstrekte te Colombo tot surplus aan 4: soldaaten, voor 2: maanden voor uijt verstrekking aan 60: oosterse Militairen die per het schipAzia van Batavia alhier aangekomen zijn; en De verstrekte Combaarsen etc: etc: - - -ƒ63125: 3:—. --„ 651: 7:—. en „ Chettua - - - - - - - - - - - - - - - „ 2058:3:8:- - - - - - - - -. „ 74877:10:8:„ 192468:9:8: - -. - - ƒ212264: 5:8: P„r Transport - - - - - - E De Generaale winsten en Jnkomsten, in voormelde tijd bestaan in de volgende Namentlijk: „ – – . - „ - -

NL-HaNA_1.04.02_3352_0455 view scan ↗

English

— 2683: 15:— 2382:16:— 300:19:— - . . - - - - - 214 1768 This increase is principally caused by the fact that in this book- year the Honorable Right Venerable Lord Governor enjoyed emoluments for a full 12, and in that of 1776/69 only for 7½ months, and the amount of the rations of the military personnel who arrived here from Colombo, item the greater amount supplied to the Honorable Major for sack wine, butter, and olive oil; and the paddy to the common soldiers, together with what was credited to this account in the year 17286/69, etc. Year 178/70: Year 17669: more, less Carried forward - - - - - ƒ73736: 5:— ƒ 67940:19:8: ƒ 5795:5:8: - - - - - - - - Ordinary Rations, more - - - - - - - - 31586:18:8: 31502:2:8: 84:16:— - - - - - - - - - - - Ordinary Expenses, more - - - - - - - - - - 21618:12:— 18136:14:- 3481:18:- - - - - - - - - - - This increase is principally due to the greater number of weapons supplied to the garrison, in order to complete the regulations drawn up for the same on 10 May 1770, and the greater amount of wax candles, coconut oil supplied to the Right Honorable Venerable Lord Governor, item that supplied for pay of the paid persons; materials and building supplies from the blacksmith's shop, various needs; and some further small items etc. The Hospital, more - - - - - - - This increase originates from the greater amount paid for the defrayment of a greater number of men who have been lodged in this hospital for healing, item the greater amount of medicines and paddy supplied to the same. Native Servants Monthly Wages, less - - - 4548:1:8: 460:7:8: - - - - - - - - This decrease is caused because in this book-year less was paid in monthly wages of lascorins at this head office than the year before. Account of Condemnation, less - 1554: 1:— 1791:11:-- - - - - - - 237:10:—. This decrease principally has its origin in the lesser amount paid in this book-year in monthly wages of such persons as have been in service for the administration of justice; the maintenance of the exiles; what was paid for the executed execution; and some further small requirements. This decrease principally has its cause in that in this book-year less was spent both on the commandery; the second in command's, the major's, the equipage overseer's house, reception rooms, item on the belfry on the flag tower and various other expenditures more, etc. etc. Carpentry and Repairs, less - - - - - - - - - - 4107:14: — 10704:1:8 - - - - - - - 6516:7:8: To be carried forward - ƒ1915:1: ƒ7068:12:— ƒ ƒ62:1:8: ƒ 6815: 14: 8: 61: 17:— 769 Year 1767/70: :— Fortifications, more 1769 E 68 Year 1727/70: Year 176/9: more, less. Carried forward - - - - - ƒ13915: 16:— ƒ137068:12:— ƒ 9662:18:8: ƒ 6815: 14: 8: 10186:3:— 3546:14:8: 6639:8:8: - - - - - - - - - - This increase principally originates from the bringing up onto the ramparts of various ammunition goods to a sum of ƒ3884:7:8 / which have been transferred in quantity to the account of unappraised goods for further accounting / the repairing and masonry work on the city quay along the river, starting at the horn- work past the tenaillon Galsoen, the Boom Gate, and the bastion Overijssel, as well as past the river gate up to under the bastion Stroomburg, the plastering shut of the holes that have been all around in the outer ramparts, the making of a new gate at the powder magazine under the bastion Holland; the re-roofing of the belfry and the repairing of the tower above the Bay Gate; the making of a new bridge over Sloterdijk; on fixed wages of coolies in the ammunition house; for the tarring of the gun carriages and wheels, the hauling up on the rampart of beams, and the transport of ammunition goods from the ramparts to the ammunition house and some more incurred expenses charged to this account. No. 176/70: This decrease is caused by the fact that in this book-year, all things taken in general, less was supplied, such as the repairing and supplied equipage and ammunition goods; the lesser supply of other requirements to the vessels, supplied rations and pay as well as other things to the men stationed thereon, the cost of two newly made scows; the purchase of a new manchua; item the cost of 2 pieces of heavy anchors supplied for the service of the timber wharf; the covering of the vessels against the bad monsoon and supplied night light expenses of sloops, less - - - - - 7617:1:— 13757:14:8 - - - - - - - 6140:13: 8: etc. etc. Expenses of Ships, more - - - - - - 13270:11:— 5787:4:— 7483:7:— - - - - - - - - - - This increase originates from the greater supply of rations, and equipage goods, etc., the greater amount paid for manchua and coolie wages, and that in the year 176/69 this account was credited for ƒ235:14:—. Ship's Pay, less --- This decrease originates from the fact that the officers of the ship Azia delivered 14125 lb more powdered sugar above their permitted write-off than the same accounted for, for which they were credited in the ship's books for the cost of the buy-out. Account of Interest, less - - - - - - - - 2047:9:8: 2204:16:- - - - - - - - 157:6:8 This decrease originates from the lesser amount paid to the Orphan Masters of this city. Expenses of the Company's Slaves, less 69:8:8: 105:1:- - - - - - - - - - 35:12: 8: This decrease originates in general from a lesser supply of cash, side dishes, rice, clothing, firewood, and necessities. To be carried forward . . . . ƒ173106:9:— ƒ1659: 6:— ƒ 23785:14:— ƒ14278:11:— . — —: — 1129: 4:— - - - - - - - - - - 1129: 4:— folio

Dutch transcription

—„ 2683: 15:—„ 2382:16:—„ 300:19:—„ - . . - - - - - 214 1768 Deeze vermeerdering is principaal veroorsaakt dat in dit boek= Jaar vast dan wel Edele Agtbaaren Heer Gouverneur wel 12: en in die van 17 76/69: maar voor 7½: maanden Emolumenten genoten heeft, en het bedragen der randsoenen van de militairen die van Colombo alhier aangekomen zijn, jtem het meerder ver= „strekte aan den E: maijoor voor zecq wijn, boter, en olijven olij; en de Nelij aan 't gemeen, mitsgaders, voor 't geen deeze reekening in Anno 17 286/69: ten goede is gebragt, etc: A„o 17 8/70: A:o 17669: meerder, minder Transport - - - - - ƒ73736: 5:— ƒ 67940:19:8:ƒ 5795:5:8:-. - - - - - - - -. -- Randsoenen Ordinair, meerder - - - - - - - - „ 31586:18:8: „ 31502:2:8:„ 84:16:—„ - - - - - - - - - - - Onkosten Ordinair meerder - - - - - - - - - - „ 21618:12:—„ 18136:14:-„ 3481:18:-„ - - - - - - - - - - - Deeze vermeerdering is principaal door de meer verstrekte wapenen aan 't guarnisoen, tot Completeering van het gemaakte Reglement voor dezelve op den 10:' Maij 1770:, en de meerder verstrekte waxkaarsen, kokus olij, aan den wel Edelen Agtb: Heer gouverneur, jtem 't verstrekte voor gagiement der gegagieerde Persoonen; Matarialen en Bouwstoffen uijt de smits winkel, Diverse Behoeftens; en eenige verdere kleijnigheeden ensz: T Hospitaal meerder - - - - - - - Deeze vermeerdering is herkomstig door 't meerder betaalde voor defroijement van een meerder getal der manschappen die in dit geneeshuijs ter geneesing geleegen hebben, Jtem de meerder verstrekte aan dezelve van Medicamen= „ten en Nelij. Jnlandse Dienaars Maand Gelden minder - - - „4548:1:8:„ 460:7:8:„- — - - - - - - „ Deeze vermindering is veroorsaakt door dien in dit Boekjaar aan Maand Gelden van Lascorijns, ten deezen Hoofd Comptoir minder is betaald als Jaars bevoorens. Reekening van Condemnatie minder - „ 1554: 1:—„ 1791:11:-- - - - - - - „ 237:10:—. Deeze vermindering heeft Principaal zijn oorspronk door de in dit boekjaar minder betaalde aan maand Gelden van zoodanige perzonen als er ten dienste van de Iustitie in dienste geweest zijn; 't onderhoud van de bannelingen het betaalde voor de Gehoude Exkusie; en eenige verdere kleene benoodigheeden. Deeze vermindering heeft principaal zijn oorsaak uijt, dat er in dit Boekjaar minder zoo aan 't Commandement; De secundes, De maijoors, d'Equipa gie opsienders wooning blankzaals, jtem aan het klokke gestel op de vlagge Thoorn en diverse andere uijtgiften meer etc: etc: Timmeragie en Reparatien minder - - - - - - - - - -„ 4107:14: —„ 10704:1:8„ - - - - - - - „ 6516:7:8: Transporteere - ƒ1915:1: ƒ7068:12:—ƒ ƒ62:1:8:ƒ 6815: 14: 8: 61: 17:— 769 A=o 17 67/70: :—„ Fortificatien meerder 1769 E 68 A=o 17 27/70: A=o 17 6/9: meerder, minder. P„r Transport - - - - - ƒ13915: 16:—ƒ137068:12:— ƒ 9662:18:8: ƒ 6815: 14: 8: „ 10186:3:—„ 3546:14:8:„ 6639:8:8:„ - - - - - - - - - - Deeze vermeerdering is principaal herkomstig, door het op de wallen brengen van diverse ammonitie goederen tot Een somma van ƒ3884:7:8: /: die in quantiteijt op de reekening van ongetaxeerde Goederen ter nader verantwoording over geschreeven zijn :/ het repareeren, en op metselen van de stads Kaaij Langs de revier, beginnende aan het hoorn werk voor bij de Tonaile Galsoen, de Boompoort, en de punt overeijzel, mitsgaders voor bij de revier poort tot onder de punt stroomburg, het toe pleijsteren der gaten die rondsom in de buijten wallen geweest zijn, het maaken van Een nieuwe Hek aan 't kruijthuijs onder de punt Hollands; het overdecken van het klocke Gestel en het repareeren van de thoorn boven de baaijpoort; het maken van Een nieuwe brug over slooterdijk; aan vaste Loon van Koelijs in het ammonitie„ „huijs; voor het theeren van de Affuijten en wielen, het op de wal haalen van balken, en het Transporteeren van ammo= „nitie Goederen van de wallen naar 't ammonitie huijs en eenige meerder Gedaane onkosten ten lasten deeser reekening. N=o 17 6/70: Deeze vermindering is veroorsaakt dat in dit boekjaar in 't generaal alles genoomen minder is verstrekt, als het repa= „reeren, en verstrekte Equipagie-en-ammonitie goederen; de minder verstrekking van andere benodigtheeden aan de, vaartuijgen, verstrekte randsoen en gagie als andersints aan de daar op bescheijden geweest sijnde manschappen 't kostende van twee nieuwe aangemaakte schouwen; het Jnkoopen van een nieuwe mansjouw; jtem 't kostende van 2: p:s swaar ankers ten dienste van de timmerwerff verstrekt zijn; het overdekking der vaartuijgen voor de quaade Mouson en verstrekte Nagtligt onkosten van Chialoupen minder - - - - - „7617:1:—„ 13757:14:8„-- - - - - - - „ 6140:13: 8: etc: etc:a Onkosten van Scheepen meerder - - - - - - „ 13'270:11:—„ 5787:4:—„ 7483:7:—„- - - - - - - - - - Deeze vermeerdering is oorspronkelijk, door de meerder verstrekking van Randsoenen, en Equipagie goederen, etc: het meerder betaalde voor mansjouws- en coelijlonen„ en dat in A:o 176/69: deeze Reekening voor ƒ235:14:— ten goede is gebragt. Scheeps zoldijen minder --- Deeze vermindering is herkomstig door dien de overheeden van 't schip Azia boven hunne gepermitteerde afschrij= ving op de poeder suijker 14125:- lb: meerder hebben uijt„ gelevert dan de selve reekent waar voor zijlieden bij de scheeps boeken voor het uijtkoops kostende gecrediteerd zijn. Reekening van Jntressen minder - - - - - - - - „ 2047:9:8: „ 2204:16:-„ - - - - - - - - „ 157:6:8 Deeze vermindering herkomstig door 't minder betaalde aan Z: weesmeesteren Deezer steede Onkosten van 'Scomp:s Lijf-Eijgenen minder „ 69:8:8:„ 105:1:-„ - - - - - - - - - -„ 35:12: 8: Deeze vermindering is oorspronkelijk in 't generaal door een minder verstrekking van contant, toospijs, Rijst, kledijen, Brandhout en benodigtheden. Transporteere . . . . ƒ173106:9:—ƒ1659: 6:— ƒ 23785:14:— ƒ14278:11:— „. — —: — „ 1129: 4:—„ - - - - - - - - - - „ 1129: 4:— fo

NL-HaNA_1.04.02_3352_0457 view scan ↗

English

215 1762 Anno 1769/70: Anno 1768/69: More, Less Brought Forward - - - - ƒ 173106:9:— ƒ 163599:6:— ƒ 23785:14:— ƒ 14278:11:—. This decrease is caused by various events that occurred in the previous and not in this financial year, such as: the gifts presented on the occasion of the farewell of the retired Right Honorable Lord Breekpot, and the first meeting with the Honorable Lord incoming Governor Senff at the King of Cochin; item on the occasion that His Highness, together with his retinue, paid a visit in the city to the Honorable Lord Governor, on the mourning ceremony of his mother, and on the celebration of the feast for the wearing of the first thread of His Highness's cousin, and likewise to the Zamorin on a similar occasion when he also paid a visit in the city; as well as to the King of Coimbatore, to the envoy of the Moorish Regent Adi Raja, and what was otherwise handed out to the Aratches and Lascars on their Owa feast, and also for what has been credited more in this financial year to this account than in the previous one. Extraordinary Expenses, more . . . . „ 3689:12:8 „ 2590:8:— „ 1099:4:8 - - - - - - - - - - This increase originates mainly from the subsistence allowances paid to 32 European and 101 Eastern soldiers, item 5 artillerymen, and 7 Lascars who were on an expedition to the North; for various ammunition and weapon goods, etc. lost therein, for 16 pieces of salempores for the use of those who were wounded therein, and rations and daily wages to the coolies who went with them, for fired gunpowder and cartridges on the occasion of the arrival and departure of the envoy of the King of Travancore, of the Portuguese Governor of Timor, and of the King of Cranganore; to the Fiscal of Harn, for his travel expenses from Surat to this place; for vessel and coolie wages kept night and day to assist the ship Duynenburg during the severe storm experienced here; and likewise those used for the transfer of artillery and ammunition goods, etc., along with the soldiers to Chettua, and further other expenses of which no examples are to be found in the previous financial year. Account of Gifts, less - - - „ 1217:13:— „ 266:9:— „ - - - - - - „ 1248:16:—. Anno 1769/70 Total - - - - - - - - ƒ 178013:14:8 ƒ 166456:3:— ƒ 24884:18:8 ƒ 15527:7:— The lesser placed under the greater and subtracted therefrom with - - - - - - - - - - - „ 168656:3:— „ - - - - - - - „ 15527:7:— which will then show that the expenses of this year, compared to the previous financial year, are more by a sum of - ƒ 9357:11:8 - - - - - - - ƒ 9357:11:8 Which I carry forward 8: At the Fortress Cannanore Ordinary Rations, less „ 2577:15:8 „ 2785:5:— „ - - - - - - „ 207:9:8 This decrease originates from the lesser provision of pay and subsistence allowances to the Eastern soldiers, who in the present financial year were garrisoned here for only 8½ and in the past year for 12 months. This decrease originates from the less fired gunpowder and cartridges, as well as that in everything economy was observed to the utmost ability. And this decrease is caused by the fact that in this year fewer disabled persons were in this hospital. Native Servants Monthly Pay „ 441:12:— „ 447:12:— - - - - - - - - - - - This equalization originates from the fixed determination of the same, under the date 12 October 1764. Carpentry and Repairs, more „ 603:16:— „ 248:17:8 „ 354:18:8 - - - - - This increase is due to the highly necessary repairs carried out on the buildings inside this fortress. Fortifications, more - - - - - - „ 55:4:— „ - - - - - - - „ 55:4:— This increase originates because the gun carriages, ramparts, and wheels were tarred and greased this year. The Account of Gifts, more „ 35:17:— „ 35:16:8 „ —:—:8 - - - This originates from the conversion of rupees to guilders. Ordinary Expenses, less - „ 2152:1:8 „ 2373:18:— „ - - - - - - „ 221:16:8 The Hospital, less - - - - - - „ 13:—:— „ 127:19:— „ - - - - - „ 114:19:— Extraordinary Expenses, more - - „ 503:15:8 „ 390:—:— „ 113:15:8 - - - This increase is due to the greater number of cruising tonis that had to be dispatched on account of the Maratha pirates in order to spy on them. Total - - ƒ 13171:15:8 ƒ 15956:—:8 ƒ 523:18:8 ƒ 1308:3:8 The lesser placed under the greater and subtracted therefrom with - - - - - - - - „ 13171:15:8 523:18:8 thus it appears that the expenses of this office at present are less than in the previous financial year by - - - - - - - ƒ 784:5:— - - - - - - that is to say - - - - - - - ƒ 784:5:— Carry forward Land Pay, less - - - ƒ 6788:14:— ƒ 7552:12:8 - - - - - - - ƒ 763:18:8 Anno 1769/70. Anno 1769/70. Anno 1768/69: More, Less, Present More, Less Brought Forward . . . . . . - - - - ƒ 9357:11:8 - - - - - - - - - and . . . „ [illegible]

Dutch transcription

215 1762 A„o 17 7/70: A„o 176/69: Meerder, Minder P=r Transport - - - - ƒ173106:9: — ƒ163599:6:— ƒ23785:14:— ƒ 14278:11:—. Deese vermindering is veroorsaakt door verscheijde gevallen die in het voorige en niet in dit boekjaar G'exteerd zijn, als: het verschonkene ter gelegentheid der afscheijd neeming van den afgegaane E: E: Agtb: Heer Breekpot, en de Eerste ont= moeting met den wel Edelen Agtb: Heer aankomende gouverneur Serff bij den koning van Cochim; jtem ter gelegentheid dat zijn hoogheid nevens desselvs gevolg, bij den wel Edelen Agtb: Heer Gouverneur een visite in de stad heeft komen afleggen, op de Rouw Ceremoriie van desselvs moeder, en op de celebratie van het feest weegens het dragen van het Eerste lijntje van zijn hoogheids Couzain, ad idem aan de zaljetter bij even zoodanige Gelegentheid dat den selven meede in de stad een visite heeft komen afleggen; zoo meede aan de koning van Coijimbatoer, aan de sendeling van de moors Regent Adij Ragia, en het geen anders aan de arratjes en Lascorijns op haar oua feest wierd afgelangd, mitsgaders voor het geen Deeze Reekening in dit Boekjaar meerder dan in het voorige ten goede gebragt is. Onkosten Extra Ordinair meerder. . . . . „ 3689:12:8:„ 2590:8:—„ 1099:4:8: - - - - - - - - - - Deeze vermeerdering is herkomstig principaal door de betaalde kost gelden aan 32: Europeeze en 101: oosterse militairen, jtem 5: arthilleristen, en 7: Lascorijns die in Expeditie om de Noort zijn geweest; voor diverse ammonitie- en wapen-goederen, etc: in deselve absent geraakt, voor 16:- p:s salempoeris ten dienste van den geene die daar in gequest geraakt, en Randsoen en dagloonen aan de Koelijs die daar meede geweest zijn, voor verschootene buskruijt en Cardoesen, ter gelegentheid van de binnen komst, en vertrek van den afsendeling van den koning van Trevancoor, van den portugees Gouverneur van Timor en van den Koning van Cranganoor; aan den Fiscaal van Harn, voor desselvs reijs ongelden van sourat ta naar herwaarts; aan vaartuijg-en Coelijloonen, die dag en Nagt aangehouden zijn, ter assistentie van 't schip Duij= „nenburg in de alhier swaar gehad hebbende storm; adidem die Gebruijt zijn tot overbrengen van Arthillerije en - ammonitie-goederen etc: Neevens de Militairen naar Chettua en verdere andere onkosten waar van in het voorige Boekjaar Geen Excempels tevinden zijn Reekening van Schenkagie minder - - - „ 1217:13: — „ 266:9:—„ - . . . . - „ 1248:16:—. Anno 17 26/70 Addeert - - - - - - - - ƒ178013:14:8 ƒ165:3:—ƒ24684:18:8 ƒ527:7:— Het minste onder het meeste gesteld en daar van Gedetraheerd met - - - - - . . . . - - -. - „ 168'656:3:—„ - - - - - - -„ 15527: 7:— wanneer als Dan zal komen te blijken dat de Lasten van dit Jaar in teegenstellen van het voorige boekjaar meerder zijn Een somma van - ƒ 9357:1:8:„ - - - - - - - ƒ 9357:14:8: Die Transporteere 8: Ter vesting Cannanoor Randsoenen Ordinair, minder „ 2577:15:8„ 2785:5:-„ - - - - - -„ 207:9:8: Deeze verminderinge zijn oorspronke= lijk door de minder verstrekking van zoldijen, en kost gelden, aan de oosterse militairen, die in het presente boekjaar maar 8½. en in 't gepasseerde 12: maanden alhier in het guarnisoen gelegen hebben. Deeze minderheijd is herkomstig door de minder verschootene buskruit„ en Cardoesen, mitsgaders dat in alles naar uijtterlijke vermogen de menagie is behartigt. En Deeze vermindering veroorsaakt door dat in deezen Jaar min= „dere Jmpotenten in dit genees huijs gelegen hebben Inlandse Dienaars Maand Gelden. „ 441:12:—„ 447:12:- - - - - - - - - - - Deeze Equalisatie oorspronkelijk door de vaste bepaaling van de„ „selve, onder dato 12:' october 1764: Timmeragie en Reparatien, meerder „ 603:16:—„ 248:17:8„ 354:18:8:- - - -- Deeze vermeerdering komt door de gedaane hoog noodsaakelijke repa„ „ratien aan de gebouwen binnen deser vesting. — Fortificatien, meerder - - - - - - „ 55:4:-„ - - - - - - -„ 55:4:—:— Deeze vermeerdering oorspronkelijk door dien de affuijten, Rampaarden, en wielen deesen Jaare getheerd en gesmeert zijn. De Reekening van schenkagie, merpa 35:17:—„ 35:16:8:„ —. —. 8:-- - Dit is oorspronkelijk door de reductie van de Ropijen tot guldens- Onkosten Ordinair, minder - „ 2152:1:8:„ 2373:18:—„ - - - - - -„ 221:16:8: 'T Hospitaal, minder - - - - - -„ 13: —: —„ 127:19:—„ - - - - -„ 114:19:—. Onkosten Extra ordinair meerder - - „ 503:15:8„ 390:——„ 113:15:8:„- - Deeze vermeerdering komt door de meer„ „der getal Kruijs thonies die men om de Marethase zeeroovers wille hebben moeten uijtsenden om haar te bespioneeren. — Addeert - - ƒ13171:15:8 ƒ 15956:—:8: ƒ 523:18:8: ƒ 1308: 3: 8: Het minste onder het meeste gesteld en daar -„13'171:15:8: van afgetrocken met - - - - - - - - zoo Consteerd dat de Lasten van dit Comptoir present minder dan in 't voorige boekjaar zijn -- - - - - - - ƒ 784:5:— - - - - - - /:zegge:/ - - - - - - - ƒ 784:5:—. 523: 18:8: Transporteere Zoldijen aan Land, minder - - - ƒ6788:14:— ƒ7552:12:8:-- - - - - - - ƒ 763:18:8: A=o 17 28/70. A=o 17 8/20. A„o 1768 Present 69: Meerder, Minder, Meerder, Minder Transport. . . . . . - - - - ƒ 9357:11:8:-- - - - - - - - -- en . . . „ ie

NL-HaNA_1.04.02_3352_0459 view scan ↗

English

216. 69 Anno 1769/70: 68 folio 17 Anno 1769/70: Anno 1768/69: More, Less, More, Less, Per Balance brought forward At the Fortress Coilan Land wages less - - - ƒ 4140: 7:8: ƒ 4342:16:8:- - - - - -ƒ 202:9:—: and Ordinary rations less „ 1456:5:-„ 1547:8:8:- - - - - -„ 91:3: 8: These decreases originate from the fact that the garrison here, in this year compared to the previous one, was smaller. Ordinary expenses less - „ 1417:15:8: „ 1478:9:—„ — - - - - - „ 60:13:8: And these because fewer weapons, and further necessities charged to this current account were written off, and entered The Hospital more. . . . . - -„ 94:19:—„ 67:15:—„ 27:4:—„ - - - - - - - This increase caused by the fact that in this financial year more disabled persons were accommodated therein for treatment than in the previous one. - - – - – – – – - ƒ 9357:11:8:ƒ 784:5:— Native Servants' monthly wages, more „ 964:15:—„ 878:18:—„ 85:17:—„ - - - -- This excess arises because in this financial year 1 interpreter at Calicoilan was accounted for 12 months, and in the past for only 1 month. Carpentry and Repairs more „ 7461:14:—„ 284:4:8:„ 7177:9:8:„ - - - - -- This increase arises from the demolition of an old stone warehouse at Leza and the construction of a new ditto at Calicoilan to the amount of ƒ 7164:2:— as well as some small repairs at Coilan amounting to ƒ 13:7:8: more than were done in the preceding financial year: Extraordinary expenses less - -„ This decrease is principally caused by the interpreter in the past year having made a trip to Larpanapooram according to secret orders, and various lesser expenditures at the Calicoilan residency. This increase originates from the fact that this year 2 gun carriages and 3 wheels were brought onto the ramparts, as well as the expenses for repairing the quay in front of the gate of this fortress, and various other small expenditures. Total - - - - - ƒ15999:18:8: ƒ 8655:15:8 ƒ 7747:9:—ƒ 403: 6:— The lesser placed under the greater and „ 8655:15:8:— —. . . . „ 403: 6:— deducted therefrom by - - thus it appears that the charges of this office this year exceed those of the previous one by a sum of - - - - ƒ 7344: 3: - - - - - Fortifications, more - - - - - - - - „ 456:18:8:„- - - - - -„ 456:18:8: „. - - - - - - - 7:4:—„ 56:4:—„ — – – – - - „ 49:—:— agrees „ 7344:3: — - Brought forward - - - ƒ16701:14:8: ƒ 784:5:—. . . - . . . — E 69 At the Fortress Per Balance brought forward - - - - - and The cause of this decrease is that the garrison in this year was smaller than the year before. Ordinary expenses less - - - - - - - „ 529:11:8: „ 602:15:—„- - - - - - „ 73:3:8: This decrease originates from the fact that by the Right Honorable Governor Senff in Anno 1769: this entered ƒ 529:11:8: was determined as a permanent expenditure charged to this account: Native Servants, more - - - - - - „ 1602:6:—„ 339:18:—„ 662:8:—„ - - - - - - - - as well as this ƒ 1002:6:—, and Carpentry and Repairs, more - - - - „ 72:- -„ 43:4:—„ 28:16:-„ - - - - - - - Likewise the adjoining ƒ 72:—:—. Fortifications, more. This increase is caused by the fact that in this financial year 12 gun carriages, and 24 wheels and further appurtenances were written off to the debit of this account. Extraordinary Expenses more - - - „ 152:12:8„ 85: 17:—„ 66:15:8: - -. -. - -. This increase originates from the hiring of some vessels and coolies for the offloading of paddy from the wrecked boat Elisabeth and for the transport hither of the 11 crew members who were assigned to it, item the extra board money provided to them. Chettua Ordinary rations, less - - - - „ 394:8:8:„ 1141:13:8:„- - - - -„ 747:5:—. Land wages less - - - - - - ƒ 1051:2:—ƒ 3795:18:—ƒ - - - - - ƒ2744:16:—. The lesser placed under the greater and deducted Thus it appears that the charges of Anno 1768/69: are less than in the present financial year At the Residency Lorca. Ordinary rations- according to the regulation in Anno 1764: This increase caused by the fact that in this financial year armory goods, cooperage etc. were written off to the debit of this Account, and in the previous one nothing of the kind. Native Servants' monthly wages - - - - - - „ 316:16:—„ 316:16:-. - - - - - - - -- according to the regulation as above. Carpentry and Repairs more - - - - - „ 24:— —„- - - - - „ 24:—:—. This is also according to the above-cited regulation, yet in the past financial year of 1768/69: nothing was entered to the debit of this Account. — Total. - - - - - - - - - - - - ƒ 609:15:— ƒ553:8:8:-- - - - - - - - The lesser placed under the greater and subtracted therefrom by. . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 553: 8: 8: Thus it appears that the charges this year are Total. - - - - - - ƒ16758: 1:— ƒ 2324:8:8: The lesser deducted under the greater by - - - - - - - - - - - - - - - -- „ 2324:8:8: thus it shall appear, that the charges taken in general in this year amount to more than the previous one by a sum of - - - - - ƒ14433: 12: 8: Ordinary expenses, more - - - - - - - - - . „ 172:19:—„ 140:12:8:ƒ 32: 6:8: are - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 56: 6: 8: Agrees - - - „. 56: 6:8: - - - - - - - - - deducted therefrom by - - - - - – – – – – – – ƒ 96:–: – ƒ: 96:–: –. - -. . - - - – Anno 1769/70: Anno 1768/69: More A sum of - - - - - - - - - - - ƒ1540: 3: 8: Agrees - - - - - - „ 1540: 3: 8: Total - - - - ƒ4469:2: — ƒ6009: 5:8: ƒ 2025:1:— ƒ 3565:4:8: - - - - - „ 4469:2:—. „ 2025: 1:—. „ 1267:1:8:„-- - - - - „ 1267:1:8„ - - - - - - - Anno 1769/70: 1768. Anno 1769/70: Anno 1768/69: More, Less, More, Less, ƒ16701:14:8: ƒ 784:5:—. — -- e

Dutch transcription

216. 69 A=o 1726/70: 68 fo 17 A„o 17 70: A:o 17 27/69: Meerder, Minder, Meerder, Minder, r Transport- - Ter Fortresse Coilan Zoldijen aan Land minder - - - ƒ 4140: 7:8: ƒ 4342:16:8:- - - - - -ƒ 202:9:—: en Randsoenen Ordinair minder „ 1456:5:-„ 1547:8:8:- - - - - -„ 91:3: 8: Deeze bij de vermindering hebben hunne oorspronk door dien de besetting alhier, in deesen Jaare in vergelijk van het voorige minder is geweest. onkosten Ordinair minder - „ 1417:15:8: „ 1478:9:—„ — - - - - - „ 60:13:8: En deeze door dien dat er minder wapenen, en verdere benodigtheeden ten lasten deeser reekening present afgeschreeven, en gebragt zijn e 'T Hospitaal meerder. . . . . - -„ 94:19:—„ 67:15:—„ 27:4:—„ - - - - - - - Deeze vermeerdering veroorsaakt door dien in dit boekjaar meerder Jmpotenten ter Coureering daar in geleegen hebben als in 't voorige. - - – - – – – – - ƒ 9357:11:8:ƒ 784:5:— Jnlandse Dienaars maand Gelden, meerder „ 964:15:—„ 878:18:—„ 85:17:—„ - - - -- Deeze meerderheid herkomstig, om dat er in dit boekjaar voor 1: tolk te Calicoilan voor 12: en in't gepasseerde maar voor 1:maand is opgebragt. Timmeragie en Reparatien meerder „ 7461:14:—„ 284:4:8:„ 7177:9:8:„ - - - - -- Deeze vermeerdering komt voort dat 't afbreeken van Een oude steene pakhuijs te Leza en 't opbouwen van Een nieuwe Dito te Calicoilan ten bedragen van ƒ 7164:2:— zoo meede eenige kleene reparatien te Coilan tot ƒ 13:7:8: meerder dan in Eb=s vergange gedaan zijn: Onkosten Extra Ordinair minder - -„ Deeze vermindering veroorsaakt princi„ „paal dat den tolk in a:o pass=o volgens secrete ordre, een togtje na Larpanapoe„ „ram gedaan heeft en verscheide mindere uijtgiften ter residentie Calicoilan. Deeze vermeerdering oorspronkelijk door dien deesen Jaare 2: p:s affuijten en 3: wielen op de wallen gebragt, mitsgaders 't bekos= ƒ „tigde tot herstelling van de Kaaij voor de poort deeser fortresse, en diverse meer kleene uijtgiften. Sommart - - - - - ƒ15999:18:8: ƒ 8655:15:8 ƒ 7747:9:—ƒ 403: 6:— Het minste onder 't meeste gesteld en daar „ 8'655:15:8:— —. . . . „ 403: 6:— van gedetraheerd met - - zoo blijkt dat de lasten van dit Comptoir deezen Jaare die van de voorige te boven loopen een somma van - - - - ƒ 7344: 3: - - - - - Fortificatien, meerder - - - - - - - - „ 456:18:8:„- - - - - -„ 456:18:8: „. - - - - - - - 7:4:—„ 56:4:—„ — – – – - - „ 49:—:— accordeert „ 7344:3: — - Transporteere - - - ƒ16701:14:8: ƒ 784:5:—. . . - . . . — E 69 Ter Fortresse P„r Transport - - - - - en De oorsaak van deese vermindering is dat 't guarnisoen in deesen Jaar minder is geweest als Jaars bevoorens. onkosten Ordinair minder - - - - - - - „ 529:11:8: „ 602:15:—„- - - - - - „ 73:3:8: Deese vermindering herkomstig dat door den wel Ed: Agtb: heer gouverneur senff in A:o 1769: deese opgebragte ƒ 529:11:8: is bepaald tot een permenente uitgaaf ten lasten deser reek: Inlandse Dienaaren, meerder - - - - - - „ 1602:6:—„ 339:18:—„ 662:8:—„ - - - - - - - - zoo meede deeze ƒ 1002:6:—, en Timmeragie en Reparatien, meerder - - - - „ 72:- -„ 43:4:—„ 28:16:-„ - - - - - - - Jnsgelijks de nevenstaande ƒ 72:—:—. Fortificatien, meerder. Deese vermeerdering is veroorsaakt dat in dit boekjaar 12: p:s affuijten, en 24: p:s wielen en verdere toebehoorende ten lasten deeser reekening afgeschreeven zijn. Onkosten Extra Ordinair meerder - - - „ 152:12:8„ 85: 17:—„ 66:15:8: - -. -. - -. Deese vermeerdering is herkomstig, door 't in dienst nee„ „ming van Eenige vaartuijgen, en koelijs tot den afscheepen van Nelij in de verongelukte bood Elisabeth en tot 't overbrengen naar herwaarts van de 11: daar op bescheijden geweest zijnde man„ schappen, item d' aan hun verstrekte Extra kostgeld. Chettua Randsoenen Ordinair, minder - - - - „ 394:8:8:„ 1141:13:8:„- - - - -„ 747:5:—. Zoldijen aan Land minder - - - - - - ƒ 1051:2:—ƒ 3795:18:—ƒ - - - - - ƒ2744:16:—. Het minste onder 't meeste gesteld en daar van Dus consteerd dat de Lasten van A:o 17 8/69: minder als in de presente boekjaar zijn Ter Residentie Lorca. Randsoenen Ordinair- volgens de bepaling in Anno 1764: Deese vermeerdering veroorsaakt door dien 'er in dit boekjaar wapen goederen, vaatwerken etc: ten Lasten deezer Reekening afgeschreeven sijn, en in de voorige niets diergelijks. Jnlandse Dienaars maand Gelden - - - - - - „ 316:16:—„ 316:16:-. - - - - - - - -- volgens bepaling als boven. Timmeragie en Reparatien meerder - - - - - „ 24:— —„- - - - - „ 24:—:—. Dit is almeede volgens boven geciteerde bepaaling, dog in 't gepasseerde boekjaar van 17 86/9: niets ten nadeele deezer Reekening opgebragt. — Addeert. - - - - - - - - - - - - ƒ 609:15:— ƒ553:8:8:-- - - - - - - - Het minste onder 't meeste gesteld en daar van gesubtraheerd met. . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 553: 8: 8: Zoo blijkt dat de Lasten deesen Jaare meerder Teld. - - - - - - ƒ16758: 1:— ƒ 2324:8:8: Het minder onder 't meerder gedetraheerd met - - - - - - - - - - - - - - - -- „ 2324:8:8: zoo zal komen te consteeren, dat de Lasten in 't generaal genoomen in deezen Jaare meerder dan de voorige komen te bedraagen Een somma van - - - - - ƒ1443: 12: 8: onkosten ordinair, miender - - - - - - - - - . „ 172:19:—„ 140:12:8:ƒ 32: 6:8: zijn - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 56: 6: 8: Accordeert - - - „. 56: 6:8: - - - - - - - - - gedetraheerd met - - - - - – – – – – – – ƒ 96:–: – ƒ: 96:–: –. - -. . - - - – A=o 178/70: A:o 178/69: Meerder Een somma van - - - - - - - - - - - ƒ1540: 3: 8: Accordeert - - - - - - „ 1540: 3: 8: Teldt - - - - ƒ4469:2: — ƒ6009: 5:8: ƒ 2025:1:— ƒ 3565:4:8: - - - - - „ 4469:2:—. „ 2025: 1:—. „ 1267:1:8:„-- - - - - „ 1267:1:8„ - - - - - - - A=o 17 27/70: 1768. A=o 17/70: A=o 17/69: Meerder, Minder, Meerder, Minder, ƒ16701:14:8: ƒ 784:5:—. — -- e

NL-HaNA_1.04.02_3352_0461 view scan ↗

English

Carried Forward The General Profits 69 Anno 17 At the Head Office Cochim less - - - - - - - - ƒ 115678:8:— ƒ 14132:10:8: - - - - - - - ƒ 28704:10:—: The principal cause of this decrease originates from a lower sale of the undermentioned merchandise, after deducting the greater turnover of Cloves; namely: 6160¼: lb: Nutmegs - - - - - ƒ 13847:19:8: 596½: lb: Mace - - - - - - „ 2796:10:8: 14487:— lb: Tin - - - - - - - - - - „ 1547: 5:—. 561554:— lb: Powder Sugar - - - - - „ 33347:19:—. 84278:— lb: Candy Sugar . . . - - - . „ 6840:19:—. 2494¼: lb: Japanese Camphor - - - - „ 3211: 2: 8: Total - - - - ƒ 61591:15:8: Deduct the greater sold: 8428¾: lb: cloves - - - - - - „ 32564:11:—. Remainder for the deficit - - - - ƒ 29027: 4: 8: At Cannanoor less - - - - - - „ 253:11:— „ 271:11:8: - - - - - „ 18: —: 8: This decrease originates from the fact that the Account of expenses on Merchandise was settled according to order with ƒ 32:—:—, otherwise the same would have been ƒ 13:19:8: more instead of now being „ 18: —: 8: less. At Coilan more - - - - - - - - - „ 438:10:— „ —: —:— ƒ 438:10:—: - - - - - - - - - This increase is principally caused by a lower shipment of Pepper in this financial year, consequently resulting in a lower write-off of the permitted percentages on the same. This deficit has arisen through the lesser amount advanced on Account of earning Monthly Wages, consequently the agio thereby also decreased. Total - - - - - ƒ 19417:14:8 ƒ 14783: 3:8: ƒ 438:10:— ƒ 28903:19:— having been in arrears in the present financial year at Lorca, and in the previous one of 17 86/9: at the Offices Coilan and Lorca, to a sum of - - - - - „ 1826:15:8: „ 2218:18:— „ - - - - - - - - „ 392: 2:8: Remains - - - - - ƒ 17590:19:— ƒ 14564: 5:8: ƒ 438: 10:— ƒ 28511:16:8: Placing the lesser under the greater and subtracting therefrom - - - - - - - - - - - – – – „ 17590:19:– – – – - - - - – „ 438:10:–. it thus appears that the profit of the financial year of 17 8/69: that of the present Deducted from this, which comes to exceed this account by an amount of - - - - ƒ 28073:6:8: - - - - - - - - - - - ƒ 28073:6:8: To be Carried Forward At Chettua less - - - - - - - - - - - „ 47: 13: - „ 229:1:8: - - - - - - - - „ 181: 8: 8: 217 Anno 17 8/70: 68 Anno 17 7/70: Anno 17 69: More, Less, More, Less, profits - - - - - - ƒ 14433:12:8: - - - - - - - - - 69 3:8: :8„ The Excess of Expenses, and Decrease of Profits Revenues Carried Forward E ƒ This increase has its origin in the following, namely: The Greater Revenues consist of: In the lease revenues of the Gardens and Lands to - - - - - ƒ 15798: 12:—. The proceeds from Stamped Seals in the Financial Year of 17 76/69: were mistakenly credited directly to the benefit of the profit Account instead of being entered on this one with ƒ 1400:2:—. and at present they amount to „ 1284:1:—. The Harbor Dues - - - - - „ 2488: —:—. The Cranganoor River . . . . . - „ 96: 9:8: for the fewer expenses incurred at the charge of this . . . . . - - - - „ 674:10:—. ƒ 20341:12:8: And the decreased Revenues are: on account of the Tobacco Leases, both here and at Paponettij, Cranganoor, and Zaliaporto together to - - - - - ƒ 3584: 2: —: ditto of the Arrack Tavern - - - „ 1237: 4: —: ditto mortgaged Lands of the King of Cochim - - - - „ 926: 2: 8: for the Dues on the transport of slaves, the Beer measures, and of the Calwettij Bridge, together - - - . . . „ 1067:8:—. on account of the Lease of Gardens and Lands at Paponettij to - - - - - - „ 147: 17: 8: ditto of the Islands of Moetoe Coenoe - – - - - - „ 368:11:—. The Town Inn - - - - - „ 142: 4:—. for various other small leases . . . . . . . . „ 116: —: 8: „ 7589:9: 8: The lesser subtracted from the greater, there results for the increase as above A Sum of . . . . . . . . . . . . . ƒ 12752:3: — At the Head Office Cochim, more - - - ƒ 63125:3:— ƒ 50373:—:— ƒ 12752:3:—. Carried forward — ƒ 63125:3:— ƒ 50373:—: ƒ 12752:3:—: - - - - - ƒ 143:12:8: ƒ 83: 6:8: More, Less. Anno 17 67/70: Anno 1769: More, Less. folio 1768 . . . . ƒ 1443:12:8: ƒ 28073:6: 8:

Dutch transcription

Pr Transport De Generaale voordeelen 69 Ao 17 Ten Hoofd Comptoir Cochim minder - - - - - - - - ƒ115678:8:ƒ14132:10:8:-- - - - - - - ƒ 28704:10:—: De principaalste oorsaak van deeze vermin= dering is herkomstig door Een minder verthier van de ondertemeldene Handel whaaren, naar aftrek van de meerder omgesette Garioffel Nagulen; teweeten: 6160¼: lb: Nooten muschaten - - - - - ƒ13847:19:8: 596½: „ - Foelij of Macis. - - - - - . - „ 2796:10:8: 14487:—„ - Thin - - - - - - - - - - „ 1547: 5:—. 561554:—„ suijker Loeder - - - - - „ 33347:19:—. 84278:— „ suijker Candij. . . - - -. . „ 6840:19:—. 2494¼: „ Camphur Japans - - - - „ 3211:2: 8: Teld - - - - ƒ61591:15:8: af de meerder verkogte. 8428¾: lb: garioffel nagulen - - - - - - „ 32564:11:—. Rest voor 't minder- - - - ƒ29027: 4: 8: Te Cannanoor minder - - - - - - „ 253:11:—„ 271:11:8:-. - - - - - „ 18: —. 8: Deeze vermindering is herkomstig door dien de Reekening van onkosten op Coopmanschappen met ƒ32:—:—. naar d' ordre vereffent is, anders zoude het selve wel ƒ 13:19:8: meerder geweest zijn insteede dat nu „ 18: —: 8: minder is. Te Coilan meerder - - - - - - - - -. - . „ 438:10:—„ —: —:— ƒ 438:10:—: - - - - - - - - - Deeze vermeerdering is principaal veroor= „saakt door Een minder afscheep, in dit boekjaar van Peper, gevolglijk daar uijt gevloeijt een minder afschrijving der gepermitteerde per Centos op deselve: Deeze minderheijd is voort gekoomen, door het minder verstrekt op Reekening van winnende Maand Gelden, gevolglijk, het opgeld daar door ook vermindert. Teld - - - - -ƒ19417:14:8 ƒ14783: 3:8: ƒ 438:10:— ƒ28903:19:— in het present boekjaar, te Lorca, en in 't voorige van 17 86/9: ter Comptoiren Coilan, en Lorca, ten agteren gestaan hebben, tot een somma van - - - - - „ 1826:15:8:„ 2218:18:—„ - - - - - - - -„ 392: 2:8: Resteerd - - - - -ƒ17590:19:—ƒ14564:5:8: ƒ 438: 10:— ƒ28511:16:8: Het minder onder het meerder gesteld en daar van gesubtraheerd met - - - - - - - - - - - – – –„17590:19:– – – – - - - - –„ 438:10:–. zoo komt te blijken, als dat de winst van het boekjaar van 17 8/69: die van het presente Hier van gedetraheerd werd, 't geen deese reekening komt te surmonteeren Een bedraagen van - - - - ƒ28073:6:8: - - - - - - - - - - - ƒ28073:6:8: Die Transporteere Te Chettua minder - - - - - - - - - - - „ 47: 13: - „ 229:1:8: - - - - - - - - „ 181: 8: 8: 217 A„o 17 8/70: 68 A:o 17 7/70: A:o 17 69: Meerder, Minder, Meerder, Minder, winsten - - - - - - ƒ14433:12:8: - - - - - - - - - 69 3:8: :8„ De Meerderheijd der Lasten, en Minderheijd der winsten Inkomsten Transport E ƒ Deeze vermeerdering heeft zijn oorspronk uijt het ondervolgende teweeten: De Meerdere Inkomsten bestaan in In de pagt penningen der Thuijnen en Landerijen tot - - - - - ƒ15798: 12:—. 'T Geprofflueerde op Gestempelde Zeguls in 't Boekjaar van 17 76/69: is abusivelijk bij deselve direct ten faveure van de winst Reekening in steede van op deesen ge= bragt met ƒ 1400:2:—. en thans bedraagen deselve „ 1284:1:—. De Booms Geregtigheijd - - - - - „ 2488: —:—. De Cranganoorse Revier. . . . . - „ 96: 9:8: voor de minder Gedaane ongelden ten lasten deezes. . . . . - - - - „ 674:10:—. ƒ20341:12:8: Ed En de verminderde Inkomsten zijn. weegens de Tabaks Pagten, zoo hier, als te Laponettij, Cranganoor, en Zaliaporto te samen tot - - - - - ƒ 3584: 2: —: adidem van de Iurij Tapperije - - - „ 1237: 4: —: _=o - - - „ - - „ verpande Landerijen van den Koning van Cochim - - - - „ 926: 2: 8: voor de Geregtigheeden der vervoer van slaaven, de Bier maats, en van de Brug Calwettij, tesamen - - -. . . „ 1067:8:—. weegens de Pagt van Thuijnen en Landerijen, te Paponettij tot - - - - - - „ 147: 17: 8: adidem van de Eijlandses Moetoe Coenoe - – - - - - „ 368:11:—. De Stads Herberg - - - - - „ 142: 4:—. voor verscheijdene an= „dere kleijne verpag= „tingen. . . . . . . . „ 116: —: 8: „ 7589:9: 8: Het minder van het meerder afgetrokken zoo komt voor de vermeerdering als boven Een Somma Ten Hoofd Comptoir Cochim, meerder - - - ƒ63125:3:— ƒ50373:—:— ƒ12752:3:—. van. . . . . . . . . . . . . ƒ12752:3: — Transporteere —ƒ63125:3:—ƒ50373:—: ƒ12752:3:—: - - - - - ƒ143:12:8:ƒ83: 6:8: Meerder, Minder. A:o 17 67/70: A=o 1769: Meerder, Minder. fo 1768 . . . . ƒ1443:12:8:ƒ28073:6: 8:

NL-HaNA_1.04.02_3352_0463 view scan ↗

English

218 Carried forward - - - - ƒ 63,125:3:— ƒ 50,373:—:— ƒ 12,752:3:— - - - - - ƒ 14,433:12:8 ƒ 28,073:6:8 This increase was caused by the fact that in this financial year, the lease of Baaij and the transport of sliced and Chikinij areca nut yielded more than the previous year. At Chettua, less . . - - - - - „ 2,058:3:8 „ 2,775:15:8 - - - - - - - - „ 717:12:— This decrease arose because the Jurij and arrack tavern was not leased out this year, and tobacco sales yielded less than the previous year. At Cannanoor, less . . - - „ 651:7:— „ 693:7:8 - - - - - - - - „ 42:—:8 This decrease originates from the smaller number of sea-letters issued in this financial year. At Coilan, more - - - - - - - „ 9,042:17:— „ 8,198:12:8 „ 844:4:8 - - - - - - - - Add - - - ƒ 74,874:10:8 ƒ 62,040:15:8 ƒ 13,596:7:8 ƒ 759:12:8 The lesser placed under the greater and subtracted from it by - - - - „ 759:12:8 thus it appears that the revenues of the present financial year 1769/70 surpassed those of the previous year by a sum of - - - - ƒ 12,836:15:— - - - - - - - - - - - - - ƒ 12,836:15:— The greater revenues subtracted from the greater expenses, it will appear that there remains for the greater expenses - - - - - - - - - - - - - ƒ 1,596:17:8 And this added together with the lesser profits, it appears that this Commandery in the financial year of 1769/70, in comparison with the previous year, has fallen behind by an amount of - - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 29,670:4:— And when that which was written off from the revenues on the previous year's account is added hereto with - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 12,749:2:— then this Commandery would essentially have fallen behind by a principal sum of - - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 42,419:6:— Cochim, the 24th of January, Anno 1772. Signed: D. Kelly Agrees: H. Van de Graaff 219 Short Description of the expenses incurred and profits gained in the Commandery of Mallabaar during the financial year 1770/71, with comparison against those of Anno 1769/70, to which are added the reasons serving to indicate the origin of the increases and decreases, as follows: Dutch money. The general expenses of Cochim and its surrounding outposts, along with the subordinate offices and their jurisdictions, have amounted from the 1st of September Anno 1770 to the last day of August 1771, according to the accounts to be named hereafter, across the whole of Mallabaar to a total of . . . . . . . . . . . . . . . . . ƒ 205,570:17:— Namely: Ordinary rations . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ƒ 36,463:9:8 Ordinary expenses . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 22,556:1:— Extraordinary expenses . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 4,263:10:— Fortifications . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 2,898:3:— Sloop expenses . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 13,285:13:— Account of gifts . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 1,519:7:— Expenses of the Company's slaves . . . . . . . . . . . . . . . „ 66:16:— Ship expenses . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 8,409:6:8 Account of condemnation . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 1,714:11:— The hospital . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 10,919:14:8 Native servants . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 7,844:17:— Carpentry and repairs . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 12,406:14:8 Account of interest . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 1,818:18:8 Land salaries . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 80,695:18:8 Ship salaries . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 632:17:— Summary of the adjacent, namely: At the main office of Cochim - - - - - - - - - - - - ƒ 176,287:5:8 Paponettij - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 7,205:1:— Cranganoor - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 5,471:18:8 Cannanoor - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 932:14:8 Chettua - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 5,639:11:— Porca - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 570:16:8 Coilan - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 9,463:10:— Sum - - - - - - ƒ 205,570:17:— Counts as above. - - - - - ƒ 205,570:17:—

Dutch transcription

218 P=r Transport - - - - ƒ 63'125:3:— ƒ50373:—. — ƒ12752:3:-: - - - - - . . ƒ14433:12:8:ƒ 28073:6:8: Deeze vermeerdering is veroorsaakt, dat in dit boekjaar, de pagt van Baaij en het vervoer van Gesneeden en Chikinij Areek, meer heeft gerendeert, als 't Jaars bevoorens. Techettua minder . . - - - - - „ 2058: 3:8: „ 2775:15:8:- - - - - - - - „ 717:12:— Deeze minderheid is voort gekomen, om dat de Iurij en Araks Tapperije, in dit Jaar niet is verpagt geworden, en dat de tabaksverkoop minder heeft gerendeert als 't Jaar bevoorens. — Te Cannanoor, minder . . - - „ 651:7:—„ 693:7:8:— -. -: - - -„ 42:—:8: Deeze vermindering, herkomstig, door de in dit boekjaar minder afgelangde getal zee brieven. Addeert - - - ƒ7487:10:8:ƒ62040:15:8:ƒ13596:7:8:ƒ 759:12:8: Het minder onder het meerder gesteld en 759:12:8: daar van gesubtraheerd met - - - - „ 62040:15:8: - - - - -„ zoo komt te consteeren dat de Jnkomsten van het presente boekjaar 17 29/70: die van 't vorige gesurmonteerd Een somma van - - - - ƒ12836:15:- - - - - - - - - - - - - - ƒ12836:15:—. De meerder Jnkomsten van de meerder Lasten van den anderen afgetrokken zoo zal komen te Consteeren dat er voor de meerder Lasten overschiet - - - - - - - - - - - - - ƒ 1596: 17: 8: En die met de mindere winsten Tesamen G'addeert, zoo blijkt dat deeze Commande= „ment in 't Boekjaar van 17 28/70: in vergelijk van 't voorige ten agteren is geraakt, Een montant van - - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 29'670: 4:—. En wanneer het geene van de Inkomsten op voorjaarige reekening is afgeboekt, hier bij g'addeert werd met - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 12749: 2: —. „ zoo zoude dit commandement wesentlijk ten agteren geraakt zijn Een Capitaal van - - - - - - - - - - - – – – - – – – – – – – - ƒ42419: 6:— 9¼ ste f„o /:onder stond:/ Cochim den 24=en Januarij A„o 1772. — „o D„o Kellij. /:was geteekend:/ fo 1768 A„o 17 28/70: A„o 176/9: Meerder, Minder, Meerder, Minder, 69 Te Coilan meerder - - - - - - - „ 9042:17:—„ 8198:12:8„ 844:4:8: - . - . - . . . -. 1779 Accordeert: H. Van de Graaff :8: 1 - - 8: 2 219 Korte Beschrijving der gevallene Lasten en behaalde voordeelen ten Commandemente Mallabaar geduurende het Boekjaar 17 26/71. met vergelijking tegens die van A:o 17 8/70: waar bij de Reeden gevoegd zijn, die tot aanduijding van den oorspronk der meer- en-minder-heeden dienen; Gelijk volgd: Nederlandsgeld. De Generaale Lasten van Cochim, en dies omleggende buijten Posten, benevens de onderhoorige Comptoiren, met der selver Resorten, hebben sedert P=mo September A„o 1770: tot ultimo August:s 1771: na uijtwijsing der na te noemene Reekeningen een Tantum van. . . . . . . . . . . . . . . . . ƒ 205570:17:— over Geheele Namentlijk: Mallabaar. . . . . - - - . . . . „ 22556. 1. -. - - - - - - „ 2898. 3. –. - - - - - - - „ 13285: 13. -. - - - - - - - - - - - „ 1519: 7:—: - - - - - - - - - - - - - - - „ 10919. 14. 8. Sommarium van 'T Nevenstaande Namentlijk: Ten Hoofd Comptoir Cochim - _ _ - - _ - - - - - - ƒ176287:5:8: Paponettij - - - - - - - - - - - - - Cranganoor - - - - - - - - - - - - - „ 5471: 18: 8: Cannanoor - - - - - - - - - - - - - - - - - -„ 7205: 1:—: 932: 14:8: „ Teld als boven. - - - - - ƒ205570: 17:—. Die overschrijve Chettua - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 5639:11:—. Porca - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 570:16:8: Coilan - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 9463: 10:—. Somma - - - - - - ƒ205570: 17:—. Randsoenen Ordinair. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ƒ 36463. 9. 8. onkosten ordinair. . . . . . . . . . . . . . .. onkosten Extra ordinair. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 4263. 10. —. Fortificatien. . onkosten van Chialoupen. . . . . . . De Reekening van Schenkagie „onkosten van sComp:s Lijff Eijgenen. . . . . . . . . . - - - - - . . „ 66. 16. -. onkosten van scheepen _ _ _ _ _ - - - - - - - - - - - - „ 8409. 6. 8. Reekening van Condemnatie - - _ _ _ _ _ _ _ - - - - - - - „ 1714. 11. -. 'T Hospitaal - - - - - - - - - - - - - - Jnlandse Dienaaren - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 7844. 17: —. Timmeragie en Reparatien. . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 12406. 14. 8. Reekening van Jntressen - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 1818:18: 8: Zoldijen aan Land - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 80'695:18:8: Scheeps Zoldijen - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -„ 632:17:—: ..

← previousnext →