VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3413

Japan · 475 pages · 280 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3413_0001 view scan ↗

English

Kol 305 8 ƒ Te E 5 2 5 5 Banjarmassing Ao 1774 To His High Excellency, The High Noble, High Honorable, and Far-Ruling Lord, Petrus Albertus van der Parra, Governor-General on behalf of the state of the United Netherlands and the General Chartered East India Company, Together with The Honorable High Respected Lords, Councillors of the Dutch Indies, etc. etc. etc. High Noble, High Honorable, Far-Ruling Lord, And Honorable High Respected Lords, With the return of the emissaries of the Ratoe Anum on 21 December last, having had the honor of receiving Your High Excellencies' most respected letter of 24 September prior, we have the honor to report that the order stipulated therein regarding the Chinese crossing over from here to Java has already been dutifully put into practice. On 16 January past, the small vessel De Oranjeboom having arrived safely before this lodge, we found ourselves further honored with Your High Excellencies' venerable letter of 4 November past; expressing to Your High Excellencies our most dutiful gratitude for what was sent by that vessel, all of which was duly delivered according to the invoice. With regard to the so frequently cited bark De Vrijheid, we can inform Your High Excellencies with certainty that the same was burned in the past summer in the river of Landak by Saijt Sariep, and the old iron from it was collected by him. Regarding the Japanese who remained here, it appeared at first that Your High Excellencies' own claim would be granted through the delivery of that rover, as the first signatory, upon his repeated urgings, received the most straightforward assurance that he would obtain him, with Ratoe Anum, among other friendly declarations, also letting slip that Your High Excellencies' request was of so little consequence that it required not the slightest hesitation to be complied with, His Highness being quite embarrassed by Your High Excellencies' compliance regarding his own requests, all of which had been completely satisfied to His pleasure. But seeing that these fair-seeming promises were not fulfilled, the first signatory renewed his repeatedly applied urgings, which were again answered with a very good appearance of likelihood. Until the matter revealed itself on 31 March, when we were under the impression that this unfortunate man would be delivered to us, as on the said date we saw the Sultan's commissioner for the pepper weighing appear before us, together with the Japanese, accompanied by the Chinese to whom he belongs. The former paid the compliments of Ratoe Anum, saying that His Highness had indeed wished to deliver him to us, but since the Japanese, out of fear of punishment, was unwilling to return to his country, His Highness therefore sent him to us so that we could question him personally. Which interrogations were also frequently conducted by us, but the Japanese firmly persisting that the fear of capital punishment kept him from returning home, all the more because his offense would be increased by the fact that in Ao 171 [illegible] he had not departed from here together with his former mate, the Japanese sent previously, and that this fault in Japan would be imputed to him along with his entire family, and as he also has a wife and child here, he was unwilling to leave them. We then had Ratoe Anum requested that His Highness would do us the favor of allowing him to depart no further than to Batavia to Your High Excellencies, in order there to be served with notice at Your High Excellencies' command, but this was very frivolously refused to us, the Regent declaring that he would also write to Your High Excellencies on this matter. From Banjarmassing, 7 April 1774. Although since our spring letter we have heard no unpleasant news regarding the illicit trade in pepper, our apprehension about it is by no means slight, as in the month of February past only one junk from Aijmuij appeared here, and we received report that a similar one was destined for Passir and two others for the river of Landak to Saijt Sariep, so that the Chinese junks are now situated east and west close to Banjer, whereby the path to the pepper trade is as it were open, and it is also very probable that the Banjarese will very likely make use of it. And against which nothing can be done from our side other than, upon the discovery of such designs, to protest verbally.

Dutch transcription

Kol 305 8 ƒ Te E 5 2 5 5 Banjermassing Ao 1774 Aan zijn Hoog Edelheijd Den Hoog Edelen Hoog Agtbaren en Weijagebiedenden Heer Petrus Albertus van der Parra. van weegens den staat der vereenigde Nederlanden ende Generaale geoc„ „troijeerde Oost- Indische Compagnie Gouverneur Generaal Neevens De Wel Edele Groot Agbare Heeren Raden van Nederlandsch Indie &c: &c: &c: Hoog Edelen Hoog, Agtbarenweijd gebiedenden Heer En Wel Edele Groot Agtbar Heeren Met 't retour der zendelingen van den Ratoe Anum op den 21 December laatst leden ons hebbende, E Aan zijn Hoog Edelheijd Den Hoog Edelen Hoog Agtbaren en Wijdgebiedenden Heer Petrus Albertus van der Parra! van weegens den staat der vereenigde Nederlanden ende Generaale geoc„ „troijeerde Oost- Indische Compagnie Gouverneur Generaal Neevens De Wel Edele Groot Agbare Heeren Raden van Nederlandsch Indie &c: &c: &c: Hoog Edelen Hoog Agtbaren weid gebiedenden Her: En Wel Edele Groot Agtbare Heeren Met 't retour der zendelingen van den Ratoe Anum op den 21 December laatst leden ons hebbende, Van Banjermassing de 7:' April 1774. Van Banjermassing den 7 April 1774. hebbende mogen gehonoreert vinden met uwe Hoog Edel„ hedens hoogst gerespecteerde Letteren van den 24 Sep„ tember bevorens, hebben wij de Eere te dienen dat de daar bij gestatueerde ordre met opzeijt der van hier na Iava overvarende Chineesen reets pligtschuldig in observantie is gebragt. Op den 16 Ianuarij Jongst verweken 't scheepie De orange„ boom tot voor deze Logie behouden gearriveert zijnde von„ den wij ons nader vereert met uwe Hoog Edelhedens gevenereerde van den 4 November passato; betuijgende uwe Hoog Edelhedens onze verschuldigste dankbaar„ heid voor 't toegezondene per dien bodem 't welk Alles volgens Factuur behoorlijk is uijtgeleverd. Met betrekking tot de zo dikwerf geciteerde Bark de vrijheid kunnen w' uwe Hoog Edelhedens in 't zeke„ re berigt en, dat dezelve in den gepasseerden Somer in de rivier van Landak door Saijt Sariep ver„ c brand en 't oude ijzer daar van door hem is ingesameld Omtrent den alhier verblevenen Japander, lit het zig inden beginne aanzien dat uwe Hoog Edelhedens eijgene reclame door uijtlevering van dien swerveling zoude ingewilligd werden, na dien den eersten Teekenaar bij zijne herhaalde Instantien de een voudigste verzekering ontfing van denzelven te zullen erlangen, latende hij Ra„ toe Anum zig onder andere vriendelijke betuijgingen ook ontvallen, dat het requisit uwer Hoog Edelhedens van zo weinig aanbelang was, dat het geene de minste bedenking vereijschte om niet opgevolgd te werden, als zijnde zijn Hoogheid verlegen over uwe Hoog Edelhedens inschikkelijkheid omtrend zijne verzoeken dewelke alle vol„ komen na Deszelfs genoegen voldaan waren Dan na dien men deze schoonschijnende beloften niet zag vol„ brengen vernieuwde den eersten teekenaar zijne te meer malen aangewende Instantien, dewelke met een zeer goede schijn van aparentie al weeder beantwoord wier„ den Tot dat zig de zaak op den 31. Maart openbaarde, wanneer wij in die verbeelding waren dat dezen on„ gelukkigen aan ons zoude overgeleverd werden, na dien wij op gemelte Datum sulthans Gecommitteerde omtrend Peper Van Banjermassing den 7 April 1714. Van Banjermassing den 7 April 1774 peper Weger nevens den Japander verzela van den Chines aan wien hij toebehoord bij ons zagen verschijnen ma„ kende den Eersten 't Compliment van Ratoe Anum zeggende zijn Hoogheid den zelven aan ons wel heeft willen overleveren, dog nadien den Japander uijt vre„ ze voor strafongenegen was na zijn land te rug te keeren, zijn Hoogheid hem derhalven tot ons zond ten eijnde w' hem persoonlijk ondervragen konden welke interrogatoiren door ons ook menigvuldig gedaan zijn, maar blijvende hij Japan der volkomen persisteeren de vreze voor hals straf hem te rug„ hield 't huijs waarts te keren te meer zijne misdaad nog zoude vergroot werden, uijt hoofde hij in A:o 171 met zijnen gewezenen Makker, den voor heen gezondene Japan„ der, niet te gelijk van hier vertrokken was, en dat deze Mis„ slag in Japan hem nevens zijne gantsche Familie zoude geimputeerd werden, en hij hier ook een vrouw en kind hebbende dezelve ongeerne verlaten wilde wijleeten aan Ratoe Anum dan verzoeken zijn Hoogheid ons dat plaisir bewijzen wilde van hem niet verder dan na Batavia by uwe Hoog Edelhedens te laten vertrekken ten eijnde Aldaar Hoewel w' zedert onze voorjarige letteren, geene on„ aangename mare omtrend den sluyjkhandel in peper vernomen hebben is onze bedugting egter daar over geinzints gering alzo in de Maand Februarij verwe„ ken, maar eene Jonk uijt Aijmuij alhier verschenen zynde w' berigt ontfingen dat er een dergelijke na Passir en twee andere na de Rivier van Landak bij Saijt Sariep gedestineerd waren, zo dat de Chinee„ se Jonken zig thans beoosten en westen na bij Banjer bevinden waar door de weg tot den Peper handel als openstaat en het ook zeer waarschijnlijk is de Ban„ Jareesen daar van veel ligt wel zullen gebruijk maken En waar tegen van onze zijde niets te doen valt anders dan bij ontdekking van dergelijke desseinen met monde te protesteeren. ter ordre Uwer Hoog Edelhedens geinsinuert te wer„ den dog dit is ons zeer frivool geweigert betuijgende den Rijks besteerder over deze Materie ook aan uwe Hoog Edelhedens te zullen schreiven op ter 5

NL-HaNA_1.04.02_3413_0008 view scan ↗

English

From Banjermassing, 7 April 1774. On the evening of 25 March last at 10 o'clock, we saw ourselves quite unexpectedly overtaken by the arrival of an English boat from the private ship the Crescent, Skipper Thomas Mercer from Bengal, coming from Rio. The said Captain having entered and having been asked the reason for his arrival, he testified that he intended to navigate around the east, yet had visited the Banjer roadstead solely out of a lack of water and firewood, as he also had water fetched from this river with his boat and skiff. The Captain stayed a few days in our lodge, after which he departed from here again for Boora early in the morning of the 31st of the same month, under the escort of one of our men, while we had earlier, on the 28th, sent down the small ship the Orangeboom, which was already laden, to lie on watch beside the English ship, with such orders as contained in the attached ordinance. On this occasion, Ratu Anum once again insinuated to the Resident their repeatedly proposed designs to treat this ship, in case of pretended ignorance, in the same manner as befell the small ship London near Pulau Laut in the year 1766 and the French ship L'Epreuve in 1771 at Pasir. Neither the intercession of the first signer, nor the fear of encountering resistance, but solely the consideration of the consequences that might result therefrom at the time, and the apprehension of bringing themselves into disrepute with Your High Nobilities, have once again thwarted these intentions for the present. During the Captain's stay here, having twice been invited to an audience with Ratu Anum, and we being unable in decency to refuse this, we let the Englishman go there conducted by one of our garrison who is skilled in the Malay language. In which meetings Ratu Anum asked him after all kinds of English wares and showed himself inclined to negotiate with the same; this Captain, however, having no desire for that, departed for shipboard without transacting anything with the Banjarese, in the manner as just reported. The said Captain Mercer has informed us for certain that, just as we had the honor to dutifully report to Your High Nobilities by submissive letter of 16 July 1773, the English Company under the authority of Mr. Herbert is still actually settled at Balambangan near Sulu, just as the Nakhoda of the junk arrived here also related to us that two vessels from Amoy are destined for that place. However strange the grief practiced by the Susuhunan over the demise of his daughter may have appeared to Your High Nobilities, we can assure the very same in all reverence and quite sincerely that his still continuing condition surpasses our thoughts as well as those of the nation, considering the prince has no fixed abode and often stays in the open field for several days on end without sparing heat or rain, sleeping on the bare ground covered with a single kajang mat. Whereby, as well as through the continuous work of building a considerably large dwelling and the clearing of whole woodlands, the inhabitants remain in such commotion that the visiting of the diamond mines must notoriously diminish thereby; for which reason we are also, notwithstanding all efforts made, unable on this occasion to supply more than the 920 7/16 carats of rough diamonds currently passing over to the Netherlands. It grieves us greatly that the latest deduction made by us of another 1 percent on a quantity of 494,811 lb of pepper having lain over the year, after we had previously written off the 2 percent kindly granted by Your High Nobilities in 1769 instead of the 1½ percent previously in use across the entire harvest, has caused Your High Nobilities displeasure. Our conduct in this was very simple, since it pleased the very same, upon our humble representations in 1769, graciously to accord the deduction of 2 percent.

Dutch transcription

Van Banjermassing den 7 April 1774. Van Banjermassing den 7: April 174. Op den 25 Maart voorleden s avonds te 10 uuren za„ gen wij gantsch onverwagt ons als overvallen door de aankomst van een Engelsche schuijt van 't par„ ticulier schip the Crescent schipper Thomas Mercir van Bengalen, komende van Rio gemelte Capitain binnen getreden en aan hem de reden zyner aan„ komst afgevraagd zijnde, betuijgde hij en descien hier omde oost te navigueeren dog egter de Banjersche Rhede niet anders dan uijt gebrek aan water en Brandhout bezogt te hebben gelijk hij het water ook met zijn boot en schuijt uijt deze Rivier heeft laten halen verblijvende Hij Capitain eenige weinige Dagen in onze logie waar na hij onder geleide van een der onzen op den 31 dito smor„ gens vroeg weder van hier na Boora vertrokken is terwijl wij 't scheepie de orangeboom, die reets bela„ den was op den 28 bevorens lieten afzakken, om bij 't Engelsche schip op brandwagt te gaan leggen met zodanige ordres als de hier nevens gevoegde or„ donnantie behelst. Bij deeze geleegentheijd heeft Ratoe Anum aan den Resident al weder geinsinueert gehad hunne te meer malen geproponeerde dessienen ten eijnde in Cas van gepretendeerde ingnorantie dit schip te laten behande„ len gelijk in A:o 1766 't scheepie Londen bij Poeloe Laut en 't fransche schip d' Epreuwe in 1771. te Passir in overgeko„ men Nog de voorspraak van den eersten Tiekenaar nog de vreze van tegenstand te zullen ontmoeten maar een„ lijk de Considiratien der in der tijd daar uyjt te resulterene Geduurende des Capitains verblyff alhier tweemalen ter audientie bij den Ratoe Anum geinviteerd zijnde en wij zulks met wel voeglijkheid niet kunnende wei„ geren hebben wij den Engelschman geconduiseert door een van onze bezetting die de Maleytsche Taalkundig is derwaarts laten gaan in welke bij een komsten den Ratoe Anum hem na veelerhande Engelsche wharen vroeg en zig genegen toonde met denzelven te Negotieeren dezen Capitain daar egter geen zin in hebben, is zonder iets met de Banjaareesen te verrigten in voegen als even gemeld na scheeps boord vertrokken Geduurende gevolgen Van Banjermassing den 7. April 174. Van Banjermassing den 7 April 174. gevolgen en de bedugting van zig bij uwe Hoog Edelhe„ dens stinkend te zullen maken hebben deze voorne„ mens voor ditmaal weeder verijdeld. Gedagten Capitein Mercer heeft ons in 't zekere onderrigt dat gelijk wij de Eere gehad hebben het aan uwe Hoog Edelhedens bij submisse Letteren van den 16 Iulij 1773: pligtschuldig te bedeelen De Engelsche Compagnie onder 't gezag van M:r Herbert te Blambangan na bij soloe als nog werkelijk gezeten is gelijk ons de Anachoda der hier aangekomen Iank ook verhaala heeft dat er ter twee dierkielen van Aijmuij na derwaarts gerestineerd zijn Hoe vreemd ook de bedreevene rouwe van den soesoehoenang over 't afsterven van zijn Dogter uwe Hoog Edelhedens zij te vooren gekomen kunnen wij hoogst Dezelve in alle Eerbied en gantsch sinceer verzekeren dat deszelfs als nog aanhoudende Conditie ook onze gedagten zo wel als die der Natie te boven gaat gemerkt den vorst geen vast verblijff heeft en zig veel malen in 't open veld 'T Smert ons zeer dat de laatste door ons gedane afschrijving van nog een pC=to op een quantiteijt van 494811 lb Peper over 't Jaar gelegen hebbende na dat w' bevorens op den gant„ schen oogst de door Uwe Hoog Edelhedens in 1769 goed genstig toegestane 2 pCtos, instede van de voorheen in gebruijk geweest zijnde 1½ pCtos hadden afgeboekt aan uwe Hoog Edelhedens Misnoegen verstekt heeft onze gedoente in dezen is zeer eenvoudig geweest aan dewijl 't Hoogst Dezelve behaagd heeft op onze onderdanige vertoogen in 1769 gratieuslijk te accordeeren de afboeking van eenige Dagen lang op houd zonder hette of regen te ontzien slapen de op de bloote grond met Een Enkelde Cajang mat overdekt waar door zo wel door 't aanhoudende werk van 't opbouwen eener Considerable groote wooning en 't omkappen van gantsche Bos schadien, de Jngezetenen dermaten in beweeging blijven, dat daar door 't bezoeken van de Diamant Mijnen notoir verminderen moet waarom w' ook niet tegenstaande alle aangewende moeyte onvermogend zijn bij deze occasie meer der dan de thans voor Nederland overgaande 920 7/16 Cara„ ten ruuwe Diamanten te voldoen. eenige tos 2 pC„to 3 „

NL-HaNA_1.04.02_3413_0010 view scan ↗

English

From Banjarmassing the 7 April 1774. From Banjarmassing the 7 April 1774. We believed we had been gratified by Your High Nobilities with 2 percent instead of 1½ pursuant to the statute in the General Regulation concerning the write-offs of short weights and deficiencies dated 15 August 1764, wherein for parcels having lain over the year 2¼ percent, being well half of 1½ delivered within the year or ¾ percent more, is permitted; and pursuant thereto, we also in the books of 176 8/9, or by humble writings of 27 October 1769 in our respectful accounting of the harvest, deducted a further ¾ percent on a quantity of 16910¾ lb of white pepper having lain over the year at that time, although notwithstanding this, we still annually ran short of a good quantity beyond the permitted short weights to the notable detriment of both of us, as the pepper was delivered very fresh and weighed out even leaner, subsequently lying in the warehouses to dry out. Should it please Your High Nobilities out of favorable consideration to benefit us with a further ½ percent more, wherefore we trusted to be allowed to deduct three percent instead of 2 on parcels having lain over the year, as we respectfully request Your High Nobilities to be permitted to continue thus in the future. Regarding the rebuilding and reduction of this Lodge, the work has progressed so far that the dwellings for the junior signatories, except for the kitchen for the second, are completely executed, and we plan to be able to book the write-off thereof at the end of this month, the foundation for the relocation of the rice warehouse and the necessary woodwork for it having already been brought into readiness. On the other hand, we very humbly request Your High Nobilities for pardon regarding the clerical errors committed in the previous year's answering of the Homeland Extract Missive, because one thing being taken for another caused these mistakes, it having otherwise been shown to Your High Nobilities' satisfaction that since our stay here the Chinese have never enjoyed more than the permitted 1/3 part of the harvest. From Banjarmassing the 7 April 1774. The joyful birth of the young Hereditary Prince, the Lord Willem Frederik, prompts us to offer our most humble congratulations on this so very desirable event to Your High Nobilities, with the prayer that the young Prince may grow up prosperous in all gifts of body and soul. His Illustrious birth was celebrated by us on 24 February last with as many solemnities as the condition of this dreary place would permit, the expenses incurred from which mount to ƒ 632:98, which expense account we request Your High Nobilities to kindly pass. Extract General Missive written by the High Noble Lords Seventeen in the Homeland to Their High Nobilities the Governor-General and the Councilors of the Indies at Batavia dated 5 October 1772 concerning the matter of Banjarmassing. The report that the Residents at Banjarmassing gave in their missive of 5 November 1771 regarding the arrival of an English ship with two pantjallangs and the quantity of pepper that those vessels transported confirms the doubt we had, as evident from our writing of 20 October 1771, as to whether the Sultan was truly in earnest about treating the crew of the English ships mentioned in the Residents' letter of 26 April 1769 in such a manner as the Residents imagined he had intended to do; for from the conduct of that prince with respect to the said three vessels it appears sufficiently that he is by no means as inclined as he pretends to repel those foreign traders and immediately prevent the smuggling of his subjects in accordance with the contracts entered into with the Company, or if he were inclined to do so for his own part, he nevertheless cannot carry such into effect. We see besides from the answer of the Residents to the extract of our missive of 7 October 1769 that none of those vessels are inspected anymore, that even the Banjarese sail past the Lodge without even showing their passes, and that the Residents state it is completely impossible to prevent the smuggling. But this being so, and as it seems nothing can be done against it with fruit, no improvement is to be expected in the future either; indeed, we can by no means consider the departure of the above-mentioned ship with its accompanying two pantjallangs as having been caused by the interdiction that the Residents served upon its commander, Captain Richardson, and we attribute that departure much rather to the fact that the said Captain had already loaded as much pepper and other merchandise as he needed, or at least thought he could obtain. The answer from the Ministry at Madras to the letter written to the same by Mr. Haksteen on 20 October 1769, and the appearance of so many English ships and vessels as have been at Banjer since that time, also show how little that nation cares for the protests that have been made on your behalf against their navigation to that kingdom; and while no reliance can be placed upon the promise of the Sultan to prevent the smuggling, we must by all means imagine that the navigation of the English, and perhaps also that of other nations, to Banjer will increase more and more, without the contracts or the presence of the Company's Residents, their interdictions, and protests bringing any impediment thereto.

Dutch transcription

Van Banjermassing den 7 April 174. Van Banjermassing den 7 April 1774. 2 pC„tos in stere van 1½ vermeenden wij door uwe Hoog Edelhe„ dens gegratificeerd te zijn ingevolge het gestatueerde bij't Gene„ „raal Reglement nopens de afschrijvingen van onderwigten en Minderheden in dato 15 Augustus 1764 alwaar op par thijen over 't Jaar gelegen hebbende 2¼ percent aan wel de helft van 1½ binnen 't Jaar uytgeleeverd ofte ¾ percent meerder is toegestaan en wij ingevolge van dien ook bij de boekies van 176 8/9. ofte bij onderdanige schrijvens van den 27 October 1769 in onze Eerbiedige verantwoording van den Oogst op een te dier tijd over 't Jaar gelegen hebbende quantiteijt van 16910¾ lb witte Peper nog ¾ pC„to, heb„ ben afgekort gehad hoewel wij des ongeagt nog Jaar„ lijks boven de gepermitteerde onderwigten een goede quantiteijt tot ons beider merkelijk naderl zyn te kort gekomen alzo de peper zeer Jong geleverd en nog schraal„ der toegewogen werd vervolgens in de Pakhuijzen legt uijt te drogen behaagde 't uwe Hoog Edelhedens uijt gunstige Consideratie ons nog met ½ pC„tos meerder te beneficeeren waarom wij vertrouwden op parthijen over 't Jaar gelegen hebbende in stede van 2, drie p:r C„to te mogen de corteeren gelijk wij uwe Hoog Edel Betreffende de vertimmering en verklijning dezer Lo„ gie, is het werk in zo verre gevordert dat de wooningen voor de geringe Teekenaaren op de Combuijs na voor den secunde volkomen geEffectueert zijn en wij staat ma„ ken in't Eijnde dezer Maand de afschrijving daar van te kunnen boeken, zijnde 't fondament tot de verplaat zing van 't Rijst Pakhuijs ende daar toe nodige houtwer„ ken ook reets ingereetheid gebragt. In tegendeel verzoeken w' uwe Hoog Edelhedens zeer ootmoedigst om verschooning over de begane schrijf fouten bij de voorjarige beantwoording der Patriasche Extract Mis sive, wijl 't eene voor 't andere genomen zijnde deze missla„ „gen heeft veroorzaakt, zijnde 't uwe Hoog Edelhedens an„ ders ten genoegen gebleken de Chineesen zeedert ons verblijff alhier nimmer boven 't gepermitteerde 1/3 gedeelte van 't Gewas genoten hebben. hedens eerbiedig verzoeken zodanig In 't vervolg te mogen Con„ tinueeren. hedens De 5 13 Van Banjermassing den 7 April 1774.. De heuckelijke geboorte van den Jongen Erffprins den Heere Willem Frederik noopt ons onze anderaanigste ge„ „luk wenschingen over dit zo zeer gewenst Evenement aan uwe Hoog Edelhedens afteleggen onder toebede den Jon„ gen vorst voorspoedig in alle gaven van lighaam en ziel mag opgroeijen. zynde hoogst Deszelfs Illustre geboorte bij ons op den 24 Februarij J: L: met zo veele solemniteiten gewierd als de gesteltheid van deeze naare plaats het heeft wielen permitteeren waar van de gedane ongelden monteeren. op ƒ 632:98 welke declaratie w' uwe Hoog Edelhedens versoeken genegentlijk te passeeren. Het berigt dat de Residenten te Banjermassing bij hunne missive van den 5 November 1778 hebben ge„ geeven nopens de aankomst van een Engelsch schip met twee pantjallangs en de quantiteijt peeper welke die vaartuijgen hebben vervoerd bevestigd de bedenking die wij blijkens onsschrij„ vens van den 20 october 171. hebben gehad of het den sulthan wel Ernst is geweest om de Equipagie van de En„ gelsche scheepen bij der Residenten brief van den 26 april 1769 vermeld in„ „diervoegen te behandelen als de resi Extract Generdle Messir gescree„ ven door de Hoog Edele Heeren Zeventienen in het Patria aan Hunne Hoog Edelheden den gouverneur generaal en de Raden van Indie te Batavia gedateerd 50ctober 1772 betreffende de materie van Banjermassing Extract denten 15 denten zig hebben verbeeld, dat hij voornemens soude zijn geweest te doen want uyt het gedrag van dien vorst met opzigte tot de gemette drie vaartui„ gen blijkt genoegsaam dat hij geensints soo gene„ gen is als hij voorgeeft om Conform de Contrac„ ten met de maatschappije aangegaan die vreem„ de Handelaars te weeren en den sluijkhandel Sij„ ner onderdanen dadelijk te beletten of soo hij al voor sig selve daar toegenegen mogt sijn Eij egter sulks niet kan ter uitvoerbrengen, wij sien buijten des uijt het antwoord van de Residenten op het Extract onser missive van den 7 october 1769 dat geene dier vaar„ tuijgen meer werden gevisiteerd dat selfs de Ban„ Jareesen de Logie wel voor bij vaaren sonder eens hunne passente vertoonen en dat de residenten volstrekt onmogelik stellen den sluikhandel te be„ letten dog dit soo sijnde en daar teegens so het schijnt met vrugt niets kunnende werden gedaan is er ook geen verbetering in 't toekomende te verwagten, im„ mers vijkunnen het vertrek van het boven gem schip met sijne bij hebbende twee Pantjallangs geenzints aanmer„ ken als veroorzaakt door de interdictie die de Residenten aan dies gesagvoerder den Capitain Rechardson hebben laten doen en wij schrijven dat vertrek veel Eer daar aan toe dat gem: Capitain reeds soo veel peper en andere Coopmanschappen had ingeladen als hij nodig had of ten minsten dagt te kunnen bekomen het antwoord van het Ministerie te Madras op den brieff door den Heer Hakssteen den 20. october 1769 aan het seeve geschreeven en de verschijning van so veele En„ gelsche scheepen en vaartuijgen als seedert dien tijd te Banjer zijn geweest toonen meede aan hoe weinig die natie zig bekreunt de protesten die teegens hunne vaart op dat Rijk van uwent wee„ gen sijn gedaan en terwijl op de belofte van den sulthan om de sluikerijen te beletten geen staat maken is moeten wij ons allesints voorstellen dat de vaart der Engelschen en misschien ook wel die van andere natien op Banjer meer en meer sal toeneemen sonder dat de Contracten of de tegenwoor„ digheid van 's Comp:s residenten haare interdictien en protesten daar in Eenige verhindering sullen toebrengen Residenten uijt

NL-HaNA_1.04.02_3413_0013 view scan ↗

English

For that reason, it remains very questionable to us whether this establishment is indeed as advantageous with respect to the Company as Your Honours consider it to be, and whether in any case it was advisable to incur an expenditure of at least fifty thousand guilders for the improvement of a lodge built on a site where the ground is described as being so swampy that no building of any significance could long stand upright upon it, and which, moreover, has been judged to lack sufficient utility and defense, even if properly repaired and equipped. However, since Your Honours have proceeded to incur those expenses, and a beginning has already been made with the execution of the projected work, we must assume that Your Honours, after due consideration of what is to be expected from this establishment, have judged both its retention and the incurring of the said expenses to be necessary for the best interests of the Company. It will therefore be agreeable to us to receive from Your Honours an exposition of the advantages that Your Honours expect from this establishment, and to what extent those advantages will exceed, or at least counterbalance, the expenses incurred for the repair and maintenance of the lodge, as well as the burdens that must be borne annually on account of this office. Furthermore, we cannot pass by without mentioning the following. In the meantime, we have regarded it as a token of goodwill that the sultan had a fine quantity of pepper delivered on credit. We therefore also consider it well done that Your Honours strive to cultivate the friendship of the sultan as well as that of the crown prince by demonstrating harmless accommodation, to which end it is particularly serviceable that, in fulfilling what those princes request, attention be paid to what they desire to have, so that the one is not sent instead of the other, as appears to have happened in the dispatch of ten pieces of blunderbusses requested by the Ratoe Anom, but returned by him as unsatisfactory. The financial year 1774/5. Requested of Your Right Honourables, namely: Ten koyans of rice at 3200 lb each: 10 Six leagers of arrack api in good cooperage: 6 Sundry goods for use and consumption. That which appears in the servants' letter of 5 November 1770 in relation to white pepper, wherein it is stated: That this sort is nothing other than ripe black peppercorns which, when left hanging without rotting, acquire a red skin inside of which sits the white pepper. And that consequently, in all places where black pepper grows, white pepper notoriously also grows. Since the contrary has been maintained by Your Honours in the reply to our demand for returns for the year 1780, we are left in doubt as to which of those reports we ought to give credit. That of the servants, however, appears to us the more acceptable, partly because in comparing the two parcels mentioned in the heading of the aforesaid demand, we found a notable difference between them, which we have also observed on recent occasions. Requisition of such cash, provisions, and further office necessities as are unavoidably required for circulation during the financial year 1774/5 for the benefit of this office, upon which a favorable grant is respectfully requested of Your Right Honourables: Cash: ƒ 11080. ƒ 7430. Circulated here: 3600 pieces. Balance: say thirty-six thousand pieces of new round pieces of eight for the continuation of the pepper and diamond trade at ƒ 2:14:- each: ƒ 97200:- This therefore still leaves us with the notion that the one sort was naturally grown and the other artificially made white pepper; however, we shall await further elucidation from Your Honours regarding this, trusting that Your Honours have ample opportunity to ascertain with certainty whether white pepper truly grows or not. Furthermore, we do not doubt that Your Honours will have reproached the servants at the main office who were tasked with procuring the fire engine destined for this office, concerning their negligence in shipping a fire engine that was in no way suitable for the purpose for which it was requested and most urgently needed.

Dutch transcription

Uyt dien hoofde blift het als nog bij ons seer bidenke„ lijk of dit Etablissement met opzigte tot de maatschappije wel soo voordeeligis als uE het selve Considereeren en of in allen gevallen raadsaam is geweest te doeneen spendatie van ten minsten vijftig duijzend guldens tot verbetering van een Logiedie geextrueerd is op een plaats waar van de grona werd beschreeven soo moerassigte zijn dat gengebouw van eenig aan belang daar op langen tija konstaande blijven en die buij„ ten desgeoordeelt is dat schoon behoorlijk gerepareerd en voor„ sien echter niet souden sijn van genoegzame ruttigheid en defensie Maarna dien UE Eechter tot het doen van die kosten sijn overgegaan dat ook met de Executie van het geprofecteerde werk bereids aanvang is gemaakt moeten wij vast stellen dat uE na Een behoorlijke overweging van dit Etablissement heeft te wagten dues aanhouding so wel als het doen der genoemde onkosten geoor„ deelt hebben voor het meeste belang van de Maat„ schappij novorsakelijk te sijn het sal ons der halven aan„ genaam weesen van ut te ontfangen hem betoog van de voordeelen die uE: zig van dit etablissement beloven en in hoe verre die voordeelen sullen Wij kunnen voorts niet anaangeroerd passeeren Intusschen hebben wij als een blijk van welmee„ nendheijd aangesien, dat de sulthan een fraaije quantiteijd peper op Credit heeft doen leeveren Wij houden Dusook wel gedaan dat uE door het bewij„ zen van onschadelijke geriflyjkheid en de vriendschap van den sulthan als ook die van den kroonprins tragten aan te kweeken waar toe voor alseer dien„ stig is dat bij de voldoening van het geen die princen vragen gelet werden op het geen sij verlangen te heb„ ben op dat niet het Een voor het andere werde gesonden gelik sulks schijnt gedaante zijn bij de afzending van tien p„s donderbussen die door den Ratoe Anum verzogt dog als niet voldoende door hem te rug gegeeven sijn. te boven gaan often minsten op wegende kosten welke tot de Reparatie en het onderhoud van de Logie ge„ daan mitsgaders de lasten, die uijt hoofde van dit Comptoir Jaarlijks gedragen moeten werden. het 19 't Boekjaar 1774/3. uwe HoogEdelhedens verzogt werd Namelijk Tien Coijangs Rijst a 3200 lb ieder zes Leggers Aracq apij ingoed vaat-werk Diverse Goederen tot Gebruijk en Consumptie het geen in der bedienden brief van 5 November 1770 voorkomt niet relatie tot de witte Peper dewijl daar bij werd gesegt Dat die soort niet anders is als rijp geworden swarte Corls au wanneer dezelve blijven han„ gen sonder te verrotten een roode schil bekomen al waar van binnen witte peeper sit. En dat mitsdien op alle plaatsen daar swarte peeper valt notoir ook witte groijen, moet doch hier van het tegendeel door uE: bij het antwoord op onsen Eijsch van retouren voor het Jaar 1780 gesustineert sijnde werden wig in twijffe aan welk van die berigten wij geloof moeten slaan dat van de bedienden komt ons egter het aanneemelijks te voor„ eensdeels om dat wij bij vergelijking van de twee parthijen in het hoofd van de voorsz: Eijsch ver„ meld tusschen dezelve hebben gevonden een mer„ kelijk verschil het geen wij ook in andere geleegentheeden Jongste heden Contanten 7m ƒ 11080. —ƒ7430: p:s 3600. . zegge zes en dertig duijzend stuks nieuwe ronde hierd verthierd Restand Nieuwen Iaren in de op Eijsch voor Eijsch van zodanige Contanten, Provisien en verdere Comptoir behoeftens als er noodwendig tot den verthier voor 't boekjaar 1774/5 ten behoeven van dit Comtoir verEijscht werden waar op Eerbiedig een gunstige voldoening van Realen van agten tot voortzetting van den peper en diamant Aan„ del â ƒ2:14:- 't p:s. . - - ƒ 97200: — hebben ontwaarden het welk ons derhalven als nog doet blijven in het denkbeeld dat de Eene soort is ge„ weest natuurlijk gegroeide ende andere doorkonst gemaakte witte Peeper dog waar omtrent wij na„ „dere Elucidatie van UE sullen verwagten vertrouwen„ die dat uE genoegsame gelegenheid hebben om met see„ kerheia te kunne weten of er waarlijk witte peeper groeit aan niet, Wijtwijffelen voorts niet of uE sullen de bedienden ter hoofde plaats vier postis geweest te besorgende voor dit Comp„ toir gedestineerde brandspugteventig hebben gereprocheerd Over hunne onagtsaamheid in het afscheepen van een branpuijt die in geemendeelen was geschikt tot het gebruijk waartoe deselve gevraagden hoogst benodigt was, hebben 10:— 6:— „

NL-HaNA_1.04.02_3413_0015 view scan ↗

English

in 5 Years the latest to date consumed consumed Remainder New Requisition 60: - cans: 12: — consumed consumed Remainder 5 Years the latest to date cans 900: - cans: 100. cans: 80: - chests 5: — chest ½ chest —½ 1: — namely One chest of Medicines according to annexed Catalogue lb 400: — lb 25: —:- 50:— fifty pounds of packaging yarn Bengal for sewing the 1: — One half leaguer of French wine as well for emoluments for the Resident as for the entertainment of the Natives 25:— twenty-five cans of Dutch Vinegar One Friesland Butter —½ One half Last of Cape Wheat the Resident as well as for the service of the Hospital Twelve cans of Tinto wine for the refreshment ditto ditto small beer of the sick Ammunition of war 1000:— One thousand pounds of Gunpowder One Ream of Cartridge paper 1:- One bundle of cork Armory Goods Two hundred musket balls pcs 36: — pcs 6:- pcs 6:- 12:- Twelve Packing needles - 3 pepper bags. 20:— 2:- 5:- 2:- Two pieces of Coarse Guinea cloth for bandage linens. pcs 12:- —:- 12:- Twelve ditto Needles 1:- ditto bundle of Matchcord in assortment 1080:— 126- 116:- 200:- Two hundred pounds of wax candles lb 120:— lb 24:- —:- 24: — twenty-four pounds of spices in assortment as well for emoluments for ream —½. —: ream —½ One half ream of cartridge paper 4:- —:- 4:- ditto ditto Slates lb 90 - lb 10½. lb 19½. 10. — Ten bundles of Lamp Cotton. 125:- 25:- —:- 25:- ditto ditto olive oil barrels 10: — vat 2:- —:- 2:- Two barrels of Dutch Beer bundles 4:- —: - bundles: 4:- Ditto bundles of Drum strings pcs 4:— —: —pcs 4:- four Drumheads pcs 200:— —:- pcs 200 pcs 200:— —:- pcs 200:— Two hundred flints lb 615: — lb 120:- 1:– for the financial year 1770 1/5 cans 225- cans: 45 — 100:- lb 20: pcs 60. - pcs 470: pcs 100:- pcs —: : cans: 45 lb 1: —. lb 1 namely One pound of copper wire Equipage Goods. forty-five cans of train oil —: lb 20: Twenty pounds of paints in assortment but mostly verdigris —:- pcs 1:- One half worn old sail. ditto old Rope for rope yarn to tie up the pepper bags. Writing materials One hundred seals of 1/8 rixdollar and 1½ stivers on yellow each Two Lead Inkwells —: — pcs 12:— Twelve pieces of bunting in assortment —: 1:- One ditto Plate —. vat 2 Two barrels of Tar. Ream 3: —: ream 3: Three Reams of Large format Paper 10:- —:- 10:- ditto Lead pencils lb 6:— —: lb 6:— six pounds of red Sealing Wax lb 12:— —: lb 12:- Twelve pounds of Ink ingredients in assortment 4:- —: - pcs 4:- four Wooden Rulers 5: —. 5. five Emery 50: lb 10: —. lb 10:- Ten pounds of sail yarn —½. —: —½ One half blue cloth pcs 600:- ditto pcs 600:- six hundred Quill shafts 2:- —:- 2:- Two Pen Knives 10:— —:- 10:- Ten ditto slate pencils pcs 2:- —:- pcs 2:- Two small Whetstones 6:- —: - lb 6: - six pounds of Coarse Dutch yarn. 40: - cans: 10:- —: cans: 10:- Ten cans of Train oil 20: pcs 4:- —: pcs 4 - four Tar brushes 30:— 6:- —: 6- six sail needles 1. – —:- 1: One Ciphering Slate 3:- —:- 3:- ditto small ditto New Requisition For the Financial Year 1774/5 ream 125:- 25. – —: – 5:– 1:- —:- 1:— Last 2½ last —½ —: — cans: 60:— 12:— ream 1:— —:— bundle 1:— —:— bundle 1:— —:— —:– —:— 12:— 12:— 5 – pcs 1: 5 - 1:— 60. - pcs 12. 10: - vat 2— ream 1:– 2: — —: - 2:- lb

Dutch transcription

in 5 Jaren de Jongste op heden verthierd verthieden Restand Nieuwen Eijsch 60: - kan: 12: — erthiera verthierd Restand 5 Jaren de Jongste op heden kann 900: - kan: 100. kan: 80: - kassen 5: — kas ½ kas —½ 1: — zegge Een kas met Medicamenten volgens annije Cathalogus lb 400: — lb 25: —:- 50:— „ vijftig ponden pakgaarn beng„s tot 't benaeijen der 1: — „ Een halve legger francesijn zotedmolumentenvoorden re„ sident als tot tractement der Inlanders 25:— „ vijff en twintig kannen Azijn hollands Een „ Booter vriese —½ „ Een half Last Caabse Tarwe den Resident als ten dienste van 't Hospitaal Twaalf kannen wijn Tint) tot verkwikking _„o _„o Sopenbier der zieken Ammunitie van oorlog 1000:— „ Een duijzend ponden Buskruijt Een Riem Cardoes papier 1:- „ Een bos kurk Wapenkamers Goederen Twee hondert snaphan kogels p:s 36: — p:s 6:- p:s 6:- 12:- „ Twaalff Paknaalden - 3 peper zakkan. „ 20:— „ 2:-„ 5:- 2:- „ Twee stuks Groff Guinees tot verband doeken. p„s 12:- —:- 12:- „ Twaalff _:o Naalden 1:- „ _„o kip Lond in soort „ 1080:— „ 126- „ 116:- 200:- „ Twee hondert ponden waxkaarsen lb 120:— lb 24:- —:- 24: — „ vier en twintig ponden specerijen in soort zo tot emolumenten voor 7„m —½. —: r„m —½ „ Een half riem pattroon papier „ 4:- —:- „ 4:- „ _o „ _„o Leijnen lb 90 - lb 10½. lb 19½. 10. — „ Thien Pliaden Lamp Cattoen. „ 125:- „ 25:- —:- 25:- „ _„o _„o olijven olie vaten 10: — r„t 2:- —:- 2:- „ Twee vaten Bier hollandsch bossen 4:- —: - bass: 4:- „ D„o bossen Tromsnaaren p:s 4:— —: —p:s 4:- „ vier Tromvellen p„s 200:— —:- p:s 200 „ p:s 200:— —:- p:s 200:— „ Twee hondert vuursteenen lb 615: — lb 120:- 1:– „ voor 't boekjaar 1770 1/5 rnn 225- kann: 45 — 100:- lb 20: p„s 60. - p:s 470: p„s 100:- „ p„s —: : kann: 45 „ lb 1: —. lb 1 zegge Een pond koperdraat Equipagie Goederen. vijff en veertig kannen zijn olie —: lb 20: „ Twintig ponden verwen in soort maar meest ppaens groen —:- p:s 1:- „ Een half sleten oud zeijl. _„o oud Touw tot kabelgaerns tot 't vastbinden der pe„ per zakken. schreeffgereedschappen Een hondert zeguls van 1/8 rijxdaalder en 1½ stve:s op geled ieder Twee Loode Inktkokers —: — p„s 12:— „ Twaalff stuks vlaggedoeken in soort —: „ 1:- „ Een _„o Plaat —. v:t 2 „ Twee vaten Theer. R„m 3: —: r:m 3: „ Drie Rum Groot formaat Papier 10:- —:- „ 10:- „ _„ Potlood pennetjus lb 6:— —: lb 6:— „ zes ponden rood zegul Lak lb 12:— —: lb 12:- „ Twaalf ponden Inktstoffen in soort 4:- —: - p„s 4:- „ vier Houte Linialen „ 5: —. „ 5. „ vijff „ Amarill 50: lb 10: —. lb 10:- „ Thien ponden zeijlgaarn „ —½. —: „ —½ „ Een half „ blauw Claa p„s 600:- _:o p:s 600:- „ zes hondert Pinne schagten 2:- —:- „ 2:- „ Twee Penne Messen 10:— —:- „ 10:- „ Thien _„o grifften p„s 2:- —:- p:s 2:- „ Twee Slijpsteenties 6:- —: - lb 6: - „: zes ponden Groffgaarn hollands. 40: - kan:n 10:- —: kan: 10:- „ Thien kannen Traan 20: p„s 4:- —: p:s 4 - „ vier Tharkwasten 30:—„ 6:- —: „ 6- „ zes zeijlnaalden „ 1. – —:- „ 1: „ Een Ceijffer Leij „ 3:- —:- „ 3:- „ _„ „ kleen _„o Nieuwen Eijsch Voor 't Boekjaar 17745 7m 125:- „ 25. – „ —: – „ „ 5:– „ 1:- —:- 1:— „ Last 2½ last —½ —: — kan: „ 60:— „ 12:— r„m 1:— —:— bos 1:— —:— kip 1:— —:— —:– —:— 12:— 12:— „ „ 5 – p„s 1: 5 - „ 1:— 60. - p:s 12. 10: - r:t 2— 7 /m 1:– „ „ „ „ 2: — —: - „ 2:- „ lb

NL-HaNA_1.04.02_3413_0016 view scan ↗

English

consumed consumed balance consumed in consumed the remaining 5 years the latest as of today cases 5: — case ½ case — ½ 1: — say One case of Medicines according to the annexed catalogue 12:- „ Twelve packing needles for pepper bags. 1: — „ One half leaguer of French wine as emoluments for the Resident as well as for the allowance of the Natives 25:— „ twenty-five jugs of Dutch vinegar the Resident as well as for the service of the Hospital Twelve jugs of wine Tent for the refreshment ditto ditto Jopen beer of the sick Ammunition of war 1000:— „ One thousand pounds of Gunpowder 1:- „ One Ream of cartridge paper 12:- „ Twelve ditto Needles 1:- „ One bunch of cork 1:- „ ditto bundle of slow match in sort Armory Goods Two hundred musket balls lb 400: — lb 25: —:- 50:— „ fifty pounds of Bengal packthread for sewing the „ 20:— „ 2:-„ 5:- 2:- „ Two pieces of coarse Guinea cloth for bandage cloths. 90 - lb 10:½. lb 19½. 10. - „ Ten pounds of Lamp Cotton. 1080:— „ 126- „ 116:- 200:- „ Two hundred pounds of wax candles lb 120:—. lb 24:- —:— 24:— „ twenty-four pounds of spices in sort both as Emoluments for ream —½. —: ream —½ „ One half ream of cartridge paper bunches 4:- —: - bunches: 4:- „ Ditto bunches of Drumstrings „ 4:- —:- „ 4:- „ ditto „ ditto Lines „ 125:- „ 25:- —:- 25:- „ ditto ditto Olive oil casks 10: — casks 2:- —:- 2:- „ Two casks of Dutch Beer Last 2½ last —½ —: — —½ „ One half Last of Cape Wheat „ 5:- „ 1:- —:- 1:- „ One „ Frisian Butter pcs 4:— —:— pcs 4:- „ four Drumskins —:- pcs 200 „ pcs 200:— —:- pcs 200:— „ Two hundred flints pcs 200: — bunch 1:— pcs 12: — bundle 1:— —:— lb 615: – lb 120: jugs 900: – jug: 100. jug: 80: — pcs 36: - pcs 6: - pcs 6:— 12:– „ 2: - —: - „ 2:- „ pcs 60. pcs 470: pcs 100: - „ pcs 20: pcs 4:— in 5 years the latest as of today —: jugs 45 „ New Demand For the Book year 1774/5 —. lb 1 say One pound of copper wire Equipage Goods. forty-five jugs of train oil —. pcs 4. - „ four Tar brushes —: „ 6. - „ six sail needles —:- pcs 1: „ One half-worn old sail. ditto old Rope for rope-yarns for tying up the pep- per bags. writing utensils One hundred seals of 1/8 rixdollar and 1½ stivers pasted on each Two Lead Inkwells —: — pcs 12:- „ Twelve pieces of bunting in sort lb 100:- lb 20:- —: lb 20: „ Twenty pounds of paints in sort but mostly verdigris Ream 3: —: ream 3: „ Three Reams of Large format Paper „ 10:- —:- „ 10:- „ ditto Lead pencil leads lb 6:— —: lb 6:— „ six pounds of red sealing Wax lb 12:— —: lb 12:- „ Twelve pounds of Ink ingredients in sort „ 5: —. „ 5. — „ five „ Emery 5. „ 1:- — „ 1:- „ One ditto Plate lb 50: lb 10: —. lb 10:- „ Ten pounds of sail-yarn „ —½ —: „ —½ „ One half „ Prussian Blue pcs 600:- ditto pcs 600:- „ six hundred Quill shafts „ 2:: —:- „ 2:- „ Two Penknives „ 10:—: —:- „ 10:- „ Ten ditto slates pcs 2:- —: pcs 2:- „ Two small whetstones jugs 40: — jugs 10:— —: jug 10:- „ Ten jugs of Train oil 1.: - —: „ 1: „ One Cipher Slate casks 10: - casks 2- —: casks 2 „ Two casks of Tar. „ 3:- —:- „ 3:- „ ditto „ small ditto ditto pcs 4:— —: - pcs 4:- „ four Wooden Rulers lb 6:— —: - lb 6: — „ six pounds of Dutch Coarse thread. New Demand for the book year 1774/5 7m lb „ 125:- „ 25. – „ —: – jug: 60: — jug: 12:— —:— 60:— „ 12:— „ ream 1:— —: — —:— —:– —— 12:– „ pcs 5 – pcs 1: 30. —„ 6:— 60: – pcs 12:— pcs jugs 225: jugs 45 — lb 1: — 7/m 1:- „ ditto „ 21 Tradesmen's tools consumed consumed balance in 5 Years the latest as of today — lb 10 say Ten pounds of chalk Lodge Dependencies pcs 2:- „ Two Glass Pole lanterns instead of the glass panes that are being sent back Materials tubs 200:- „ Two hundred tubs of Masonry lime A quantity of Masonry sand „ ditto quarry stones Uniforms pcs 50:- „ fifty pcs Shirts Regarding the new Pepper crop, the opinion of the Banjarese is very favor- able, promising an opulent harvest The cargo in this vessel consists of 495625 lb black 6731 lb white pepper and 920 7/16 Carats of rough Diamonds, costing according to invoice ƒ 87496:8:8 while about 1000 pcs of Pepper still remain here and we will possibly acquire somewhat more in the Warehouses Regarding the Servants, a Corporal and a soldier, both with expiration of their contract, request an increase in wage, while the still unreplaced Assistant Meijer and Corporal Ia- Alexander, alongside two Masons, urge Your High Nobilities for their deliverance from here, and we most humbly request the dispatch of another Assistant, a Corporal and 2 tradesmen journeymen, alongside a Surgeon in place of Cellestein who is now departing from here, for whom and the returning Third surgeon with the Orangeboom, Two Third Surgeons have arrived here, to whose inexperience one cannot well entrust the entire garrison; furthermore departing with these vessels 2 Surgeons Stamant 10 soldiers and 9 Common Moors Meanwhile we have the Honor to remain respectfully, with the deepest awe and the most due respect underwritten: High Noble, Highly Honorable, Far-Ruling Lord and Right Honorable, Highly Esteemed Lords lower: Your High Nobilities' humble, obedient Servants was signed: W:m A:n Palm, and David Rude, in margin: In the Dutch Comptoir at Banjarmassin Tatas the 7 April A:o 1774. - The Orangeboom having arrived before this lodge on the 23: Past, we found ourselves honored with Your High Nobilities' most respected letters of the 19: July prior, whereupon we take the liberty in all sub- High Noble, Highly Honorable, Far-Ruling Lord And Right Honorable, Highly Esteemed Lords The Right Honorable, Highly Esteemed gen- tlemen Councilors of the Netherlands Indies &c: etc: &:c: To his High Nobility The High Noble, Highly Honorable and Far-Ruling Lord Petrus Albertus van der Parra on behalf of the state of the United Netherlands and the General Char- tered East India Company Gover- nor General. New Demand for the book year missiveness J m: lb 10:— . 1774/5 Alongside 23

Dutch transcription

verthierd verchieden Restand Verthiera verthierd Restand in 5 Jaren de Jongste op heden kassen 5: — kas ½ kas — ½ 1: — zegge Een kas met Medicamenten volgens annix Cattaloog 12:- „ Twaalff Paknaalden 3 peper zakkan. 1: — „ Een halve legger francessijn zotetmolumen ten voorden re„ sident als tot tractement der Inlanders 25:— „ vijff en twintig kannen Azijn hollands den Resident als ten dienste van 't Hospitaal Twaalf kannen wijn Tint) tot verkwikking _„o _„o Iopenbier der zieken Ammunitie van oorlog 1000:— „ Een duijzend ponden Buskruijt 1:- „ Een Riem Cardoes papier 12:- „ Twaalff _:o Naalden 1:- „ Een bos kurk 1:- „ _„o kip Lond in soort Wapenkamers Goederen Twee hondert snaphan kogels lb 400: — lb 25: —:- 50:— „ vijftig ponden pakgaarn beng„s tot 't benaeijen der „ 20:— „ 2:-„ 5:- 2:- „ Twee stuks Groff Guinees tot verband doeken. 90 - lb 10:½. lb 19½. 10. - „ Thien Planden Lamp Cattoen. 1080:— „ 126- „ 116:- 200:- „ Twee hondert ponden waxkaarsen lb 120:—. lb 24:- —:— 24:— „ vier en twintig ponden specerijen in soort zo tot Emnolumenten voor r„m —½. —: r„m —½ „ Een half riem pattroon papier bossen 4:- —: - bat: 4:- „ D„o bossen Tromsnaaren „ 4:- —:- „ 4:- „ _o „ _„o Leijnen „ 125:- „ 25:- —:- 25:- „ _„o _„o Olijven olie vaten 10: — r„t 2:- —:- 2:- „ Twee vaten Bier hollandsch Last 2½ last —½ —: — —½ „ Een half Last Caabse Tarwe „ 5:- „ 1:- —:- 1:- „ Een „ Booter vriese p:s 4:— —:— p:s 4:- „ vier Tromvellen —:- p:s 200 „ p„s 200:— —:- p:s 200:— „ Twee hondert vuursteenen p„s 200: — bos 1:— p„s 12: — kip 1:— —:— lb 615: – lb 120: kann:n 900: – kan: 100. kan: 80: — p:s 36: - p:s 6: - p:s 6:— 12:– „ 2: - —: - „ 2:- „ p„s 60. p:s 470: p:s 100: - „ p:s 20: p„s 4:— in 5 Jaren de Jongste op heden —: kammn 45 „ Nieuwen Eijsch Voor 't Boekjaar 17745 —. lb 1 zegge Een pond koperdraat Equipagie Goederen. vijff en veertig kannen zijn olie —. p:s 4. - „ vier Thaerkwasten —: „ 6. - „ zes zeijlnaalden —:- p:s 1: „ Een half sleten oud zeijl. _„o oud Touw tot kabelgaerns tot 't vastbinden der pe„ per zakken. schreeffgereedschappen Een hondert zeguls van 1/8 rijxdaalder en 1½ stv:s opgeled ieder Twee Loode Inktkokers —: — p„s 12:- „ Twaalff stuks vlaggedoeken in soort lb 100:- lb 20:- —: lb 20: „ Twintig ponden verwen in soort maar mest ppaens groen R„m 3: —: r:m 3: „ Drie Rum Groot formaat Papier „ 10:- —:- „ 10:- „ _„o Potlood pennetjees lb 6:— —: lb 6:— „ zes ponden rood zegul Lak lb 12:— —: lb 12:- „ Twaalf ponden Inkt stoffen in soort „ 5: —. „ 5. — „ vijff „ Amarill 5. „ 1:- — „ 1:- „ Een _„o Plaat lb 50: lb 10: —. lb 10:- „ Thien ponden zeijlgaarn „ —½ —: „ —½ „ Een half „ blauw Claa p„s 600:- _:o p:s 600:- „ zes hondert Pinne schagten „ 2:: —:- „ 2:- „ Twee Penne Messen „ 10:—: —:- „ 10:- „ Thien _„o grifften p„s 2:- —: p:s 2:- „ Twee slijpsteenties kan:n 40: — kan:n 10:— —: kan: 10:- „ Thien kannen Traan 1.: - —: „ 1: „ Een Ceijffer Leij v=t 10: - r:t 2- —: v:t 2 „ Twee vaten Theer. „ 3:- —:- „ 3:- „ _„o „ kleen _„o _„o p„s 4:— —: - p„s 4:- „ vier Houte Linialen lb 6:— —: - lb 6: — „. zes ponden Groffgaarn hollands. Nieuwen Eijsch voor 't boekjaar 1772/5 7m lb „ 125:- „ 25. – „ —: – kan: 60: — kan: 12:— —:— 60:— „ 12:— „ r„m 1:— —: — —:— —:– —— 12:– „ p„s 5 – p„s 1: 30. —„ 6:— 60: – p:s 12:— p„s kann: 225: kann: 45 — lb 1: — 7/m 1:- „ _„o „ 21 Ambagtsgereedschappen verthierd verthierdin Restand in 5 Jaaren de Jongste op heden — lb 10 zegge Thien ponden krijt Logie Dependentien p„s 2:- „ Twee Glase Paellanthaarns in steede van de te rug gaande Glase Ruijten Matterialen balijs 200:- „ Twee hondeert balijs Metzelkalk Een parthij Metzelzand „ _o„ klipsteenen Monteeringen p„s 50:- „ vijftig p„s Hembdem Ten aanzien van't nieuwe Peper gewas is 't gevoelen der Banjareesen zeer favora„ „ble als belovende een opulenten Inzaam 'T geladene in dezen bodem bestaat in 495625 lb swarte 6731 lb witte peper en 920 7/16 Caraten ruuwe Diamanten kosten de blijkens factuur ƒ 87496:8:8 terwijl nog circa 1000 p„s Peeper alhier verblijven en W' mogelijk nog wel iets meerder in de Pakhuijzen zullen bekomene Ten reguarde der Dienaren verzoek en Een Corperaal en Een soldaat beiden mitstijds Expira„ „tie om verloging in gagie, terwijl den nog onvervangenen Assistend Meijer en den Corporaal Ia„ Alexander nevens twee Metzelaars uwe Hoog Edelhedens om hunne verlossing van hier insteeren en wij Ootmoedigst verzoeken de toezending van een ander Aennist een Corporaal en 2 ambagts gezellen nevens een Chirurgijn in steede van den Thans van hier vertrekkende Cellestein voor wien en den te rugkerende Derde meester met de orangeboom Twee Derde Meesters alhier zijn aangekomen aan welkers onervarentheid men de gantsche bezetting niet wel kan toevertrouwen, vertrekkende wij„ ders nog met dezen bodems 2 Meesters Stamant 10 soldaten en 9 Gemeene Mooren Inmiddens hebben w' de Eere met 't diepst ontzact en 't verschuldigste respect Eerbiediglijk te zijn /:onderstond:/ Hoog Edelen Hoog Agtbaren weijdgebiedenden Heer en Wel Edele Groot Agtbare Heeren /:Lager:/ uwe Hoog Edelhedens onderdanig gehoorzame Dienaren /:was getekend:/ W:m A:n Palm, en David Rude, /:in margijne:/ In t N„s Comptoir tot Banjermassing Tatas den 7 April A:o 1774. - De orangeboom op den 23: Passato voor deze logie g'arriveerd zijnde vonden w'ons vereerd met uwe Hoog Edelhedens hoogst g'eerbiedigde letteren van den 19:' Jule bevorens, waar op w' de vrijheijd gebruiken in alle on„ Hoog Edelen Hoog Agtb: wijdgebiedenden Heer En Wel Edele Groot Agtb: Heeren De wel Edele Groot Agtbare hee„ ren Raden van Nederlands Indie &c: dol: &:c: Aan zijn Hoog Edelheid Den hoog Edelen hoog Agtbaren en wijd gebied: Heer Petrus Albertus van der Sarra van wegens den staat der vereenigde Nederlanden ende Generaale Groetroij „eerde oost- Indische Compagnie Gou„ „verneur Generaal. Nieuwen Eijsch voor 't boekjaar „derdanigheid J m: lb 10:— . 177 /15 Nevens 23

NL-HaNA_1.04.02_3413_0018 view scan ↗

English

25 From Banjermassing, 25 October 1724. to serve in submissiveness that the 50 pikols of gift pepper of which the Sultan spoke in his letter to Your Right Excellencies have to date not yet been received by us, just as we otherwise, in accordance with our obligation, would not have failed to make the proper statement thereof in our humble letters and outgoing invoice; however, the matter stands thus: that upon the departure of the Orangeboom in the past spring, His Highness had it urged upon us to advance that quantity to His Highness from the Honorable Company's stock, to which we in no way dared to proceed, for fear of not being able to recover the advanced amount, or only with great difficulty, as experience has also taught such, yet the pepper weighers have notified us that the same will be delivered within the next few days. Just as we had the honor to submit in our humble letters of 5 November 1770 that white pepper is nothing other than black pepper that has become ripe, we must, according to our own experience and the unanimous opinion of all Banjarese pepper cultivators, respectfully persist therein, and in order as much as possible to satisfy the order of Your Right Excellencies, the humble undersigned request permission to distinguish the white pepper into three sorts, namely into two good ones and one bad. The first good sort consists of black pepper that has become ripe, which, when it becomes ripe, gets a red skin wherein the white grain sits, as we have both seen and experienced, which commonly falls off and, lying on the ground, then loses the outer red skin through rot, and thus the white grain remains. With regard to the carpentry work, we have the honor to inform Your Right Excellencies that the new dwelling for the submissive undersigned is already completed, of which the written-off amount renders a sum of ƒ 11314: 9: 8 as well as the relocation and downsizing of the rice warehouse, costing 570: 17: 8 These two pieces of carpentry work together cost ƒ 11885: 7: — which completed write-off we respectfully urge Your Right Excellencies to be pleased to pass, the dwelling for the assistant and the 2 masters also being already finished, the costs of which, after one has finished with the guard of the military, we will present together to Your Right Excellencies. But the third and worst sort is that which is made by human hands with lime water, as the same is recognizable by the lime matter it contains, and that grain commonly also does not appear as smooth and sound as the other two. The second and best sort, which is called by the native Treijboeron or bird droppings and is very distinguishable from the others because of its whiteness, consists, according to the unanimous statement of the pepper farmers, also of black pepper that has become ripe, which is pecked from the vines and swallowed by small birds, the red husk then being digested, but the grain thereafter discharged again, which is why this sort is also very scarce. From Banjermassing, 25 October 1774. 27 Black Pepper And of white ditto that purchased for the Chinese junk From Banjermassing, 25 October 1774. military will have finished, we will present together to Your Right Excellencies. Now returning to Your Right Excellencies, the small ship the Orangeboom is laden with 457742 lb of black and 6048 lb of white pepper, alongside 259¾ carats of rough diamonds, costing together ƒ 70080: 18: 8. And since the Banjarese report regarding the new pepper harvest, of which 40 pikols have already been weighed, is in general very favorable, as is fully evident from the eager supply, we request Your Right Excellencies to be pleased to have the goodness to favor us as soon as possible with the requested cash, since our supply, with an opulent collection, will at the latest be able to suffice until the end of December, and it would be lamentable if one could not keep the supply of pepper and diamonds brisk for lack of money. The General Harvest of the recently elapsed financial year 1773/1774 amounted to black pepper lb 810101¼ or pikols 6480: 101¼ lb and of white ditto 12730 101: 105 lb that purchased for the Chinese junk 62607½ 501: 62½ lb further sent as a gift by the Sultan and Ratoe Anum 18750 150: — lb Total lb 904188¾ pikols 7233: 63¾ lb Which is again respectfully accounted for in these manners, as: From the trade and pay booklets attached hereto, Your Right Excellencies, if it pleases, will be pleased to observe that the general charges and expenses during the financial year 1773/1774 have amounted to a sum of ƒ 23528: 10: —. The Sultan's written demand for the shipment of the aforementioned gift pepper we have the honor to offer Your Right Excellencies herewith respectfully in original. 1774. 28 March sent per the Orangeboom of black pepper lb 495625 or pikols 3965: — and of white ditto 6731 53: 106 lb today that small vessel transports in remaining black pepper 298274¼ 2386: 24½ lb and in remaining white pepper 5744 45: 119 lb Thus truly sent lb 806374¼ pikols 6450: 124¼ lb. The shortweights on 810101¼ lb of black pepper at 2 percent 16202 129: 77 lb item on 12730 lb of white pepper 255 2: 5 lb The Chinese junk that was here has transported 81437½ 651: 62½ lb Agrees [illegible] pikols 34: 18¾ lb. From Banjermassing, 25 October 1774.

Dutch transcription

25 Van Banjermassing den 25 october 1724. — derdanigheijd te dienen dat de 50 p„l schenkagie peper waar van den Sulthan in zijn brief aan uw hoog Edelhedens heeft gesproken tot heden bij ons nog niet ontfangen zijn, gelijk w' anders ingevolge onze gehoudenisse niet zou„ den hebben verzuimt daar van de behoorlijke opgave bij onze geringe letteren ende afgaande factuur te doen; egter is 't daarmeede zodanig gelegen, dat bij 't vertrek van de orangeboom in't voorleeden voor Jaar zijn hoog„ „heid bij ons liet insteeren die quantiteit uit sE Comp: vooraad aan hoogst denzelven voor te sclieten, waar toe w' in geenen deele duafden overgaan uit vreese het geleiende veel ligt niet als met veele moeijte wederom te bekomen zo als de ondervinding zulk ook geleert heeft, dog hebben de peper we„ „gers ons aangezegt dat 't zelve eerst daagst zal geleverd werden. Gelijk w' de ber hadden bij onse onder danige letteren van den 5: Novemb=r 1770. te poseeren dat de witte paper niets anders is dan rijp gewordene swarte peper, moeten w' volgens eijgen ondervinding en het eenparig gevoelen van alle Banjareesche peper Cultiveerdens daar bij eerbiediglijk blijven persistee„ ren en om zo veel mogelijk aan de ordre uwer Hoog Edelhedens genoeg te doen verzoeken de geringe Teekenaars verlof de witte peper in drie poor„ ten te mogen ondersheiden, namelijk in twe goede en een slegte. De eerste goede soort bestaat in rijs gewoordene swarte peper die wanneer zij rij word een ode schil bekomt. waar in de witte korl zit, gelijk w' beiden zulks gezien en ondervonden hebben, dewelke gemeenlijk afvalten op de grond leggende als dan de buijtenste Roode schil door rerrotting verliest, Het betrekking tot de vertimmering hebben w' de Eer uwe Hoog Edelhedens te berigten dat de nieuwe wooning voor de submisse teeke„ „naaren reets voltoijd is waar van 't afgeboekte rendeert een somma ƒ11314:9:8: zo mede de verplaatzing en verklijning van 't rijst pakhuis kostende - -. . - . „ 570: 17: 8: Deze twee vertimmeringen kosten te zamen. . . ƒ 11885: 7: — welke gedane afschrijving or Eerbiedig in steeren uwe Hoog Edelhedens gelieven te passeeren zijnde de wooning voor den adsistent en de 2: meesters ook reets vervaardigt, welkers kostende na dat men met de wagt der mili„ van Maar de derde en slegtste soort is die welke door menschen handen met kalk. water gemaakt werd, gelijk deselve door de bij zig hebbende kalk stoffe kenbaar en die korl gemeenlijk ook zo gladen gaf niet voorkomt dan de twee andere. De treede en beste soort die door den Inlander genaamd werd Treij„ „boeron of rogel Drek en wegens hare wittigheid van de andere zeer te onderscheiden is bestaat volgens eenparige opgave der peper boeren ook uijt rijp gewordene swarte peper, dewelke door klijne vogelties van de ranken afgepikt en ingeslckt, als dan de roode bast verteed, dog de korl daar na weder gelost werd, waarom deeze soort ook zeer schaars is. en dus de witte korl overig blijf Van Wanjermassing den 25:' october 174. „tairen . - . . 27 Swarte Peper En aan witte do - - - het ingekogte voor de Chineese Ionk- - - - - Van Banjermassing den 25:' october 174. — „tairen zal gedaan hebben, w' uwe Hoog Edelhedens te zamen zullen voordragen. Tthans tot uwe hoog Edelhedens terug keeren de schepie de orange„ boom is beladen met 457742. lb swarte en 6048 lb: mitte peper nevens 259¾. Caratin Ruwe diamanten kostende te zamen ƒ70080: 18: 8: — En nadien de banjareshe op gaaf omtrent de nieuwe peper ogst, waar van ook rees 40 pialsn gewoogen zijn in't algemeen zeer favorable is, gelijk zulks ut den geetigen aanbreng volkomen blijkt verzoeken w uwe Hoog Edelhedens de goedheid gelieven te hebben ons ten spoedigsten met de verzogte contanten te favoriseeren, aangezien inzen voorraad, bij een opulen ten Jnsaam uitterlijk tot ult:o december zal kunnen toerijken en 't te bejammeren zijn zou „de wanneer men den aanbreng van peper diamanten door gebrek aan geld niet zoude kunnen levendig houden. De Generaale Recotte van't Jongst verweeken Boekjaar 175 /. beragd aan . - . -lb 8010¼ of p:s 6480: 101¼. lb 101: 105- „ . . . . . . . . „ 12730: — „ „ „ 62607½ „ „ 501: 62½ „ Nog ingeschenk verzonden door den sulthan en Ratoe Anum. „ 18750: „ „ 150: — – „ Somma - - b 90150 1 314 T welk weder in dezer wegen Eerbiedig verantwoord werd, als. ij de hier nevens gevoegde Handel en zoldij boekjes zullen uwe Hoog Edelhedens des behagende „gelieven te beoogen dat de generale lasten en ongelden geduu„ „rende 't boekjaar 17 /4 hebben bedragen een somma van ƒ23528: 10:— Sulthans schriftelijke instantie om de verzending van voormelte schinkagie peper hebben w' de Eer uwe Hoog Edel„ „hedens hier nevens in origineel respectieuslijk aan te „bieden. 1774. 28: Maart p:r de orangebom verzonden aan swarte peper. . . . . . . . . . . lb 495625: rf p:s 3965:— En „ witte d:o. . . . . . . . . „ 6731: „ „ 53: 106: lb heden vervoert. dat kieltje aan restand swarte peper - . . . . . . . . . . . . „ 298274¼. „ „ 2386: 24½ „ En aan restand mette peper . . . . . . . . . . „ 5744. „ „ 45: 119 lb Dus waarlijk verzonden - - - - - - - lb 06374:14 p:/s 6450: 124¼ lb. De onderwigten op 8101¼4 lb swart peper a 2. pC:tllen. . . . . . . . . . . „ 16202: „ „ 129: 77 —„ Jtem op 12730 lb witte peper - - - - - - - . „ 255: „ „ 2: 5 „ De hier geweest zijnde Chineese Jonk heeft verveert - - - - - - - - -„ 81437½ „ „ 651: 62½ „ Accorderet - . - - 5 8 / p:s 34: 18¾ lb. Van Banjermassing den 2:' otober 174. — verbeelt verte

NL-HaNA_1.04.02_3413_0020 view scan ↗

English

29 From Banjermassing the 2nd of October 174. — From Banjermassing the 2nd of October 1740. — Ordinary rations - - Wages ashore - improved on the following accounts, as: ƒ 12022: 13: 8 The general expenses amount as above to . . . . . - ƒ 23528: 10: — The profits on the other hand obtained during said time amount to . . . . . . . ƒ 116: 10: — so that the expenses exceed the profits . . . . . . . ƒ 23412: —: — . . . . ƒ 325: 12: — - - - - - - - - ƒ 3542: 17: — . . . . . . . . . . . ƒ 2641: 9: — In the year 1739 the expenses amounted to - - - - - - - - - - - - - - Consequently then also more expenses than profits - . . . - - - ƒ 11570: 12: — The profits on the other hand amounted to - . - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 407: 3: — subtracted from each other shows that this office in this book year compared to the previous one has suffered a loss of - - Caused as follows: The profits in 1739 amounted to ƒ 407: 3: — . . . And in this book year the same only count - - - - - - - - - - - ƒ 116: 10: — consequently less profits . . . . . . . . ƒ 290: 13: — . . . . . . . . ƒ 11041: 8: — Shows that there are more expenses this year . . . . . . . . . ƒ 11550: 15: — Carpentry and repair - The profits this year amounted to - - - - - - - - - - - - - - ƒ 116: 10: — And in the past year the same amounted to - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 407: 3: — thus this year less profit - - - - - - - - ƒ 290: 13: — the higher expenses and lesser profits added together - - - - - - - - - ƒ 11841: 8: — Otherwise: To the decrease of profits contributed solely the lesser shortages on the large collection of pepper than in the preceding year. The increase of expenses has its origin in the higher supplies charged to ordinary expenses, account of gifts, extraordinary expenses, wages ashore, and carpentry and repair. residency has retrograded in this book year: . . . - - - - - - - . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ƒ 11841: 8: — Agrees - . . . . . . . . . —: —: — ƒ 280: 10: — ƒ 4917: 15: — The expenses amounted in 1739 to ƒ 11977: 15: — And in this book year the same amount to - - - . . - ƒ 23528: 10: — Thus this year more expenses - - - ƒ 11550: 15: — The lesser profits added to the higher expenses establishes that this residency General Expenses this year: Anno 1739/40 Anno 1738/39 More Less - - - - - - ƒ 3144: 4: 8 ƒ 3183: —: 8 ƒ —: —: — ƒ 38: 16: — - - - - - - - - - - ƒ 3542: 17: — ƒ 3340: 12: — ƒ 202: 5: — ƒ —: —: — - - - - - - - ƒ 12022: 13: 8 ƒ 329: 5: — ƒ 11693: 8: 8 ƒ —: —: — Adds up to - - - - - - - - ƒ 23528: 10: — ƒ 11977: 15: — ƒ 12590: 10: — ƒ 1039: 15: — - - - - - ƒ 11550: 15: — Expense of ships - - - - - - - - - - - ƒ —: —: — ƒ 879: 12: — ƒ —: —: — ƒ 879: 12: — expenses of the Honorable Company's slaves - - - - - - - ƒ 414: 6: — ƒ 471: 14: 8 ƒ —: —: — ƒ 57: 8: 8 Hospital expenses - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 325: 12: — ƒ 389: 10: 8 ƒ —: —: — ƒ 63: 18: 8 ordinary expenses - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 2641: 9: — ƒ 2638: 11: — ƒ 2: 18: — ƒ —: —: — Account of gifts - - - - - - - - - - - - ƒ 47: 17: 8 ƒ —: —: — ƒ 47: 17: 8 ƒ —: —: — extraordinary expenses - - - - - - - - - - - - ƒ 1389: 10: 8 ƒ 745: 9: 8 ƒ 644: 1: — ƒ —: —: — subtracted from each other . . . . . . . . . . ƒ 11977: 15: — - - - - - - - ƒ 1039: 15: — ƒ 11977: 15: — Hospital expenses ordinary expenses wages ashore - - - Carpentry and repair - - - - - - - expenses of the Honorable Company's slaves . . . . . . . . . . ƒ 414: 6: — Account of gifts - - - - - - - - - - - - - ƒ 47: 17: 8 extraordinary expenses - - - - - - - - - - - - ƒ 1389: 10: 8 Ordinary rations - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 3144: 4: 8 The . . . . . . . . ƒ 290: 13: — . . 6 2 2 .- . -

Dutch transcription

29 Van Banjermassing den 2:' october 174. — Van Banjermassing den 2:' ctber: 1740. — Rantsoenen ordinaire - - soldijen aan land - verbaet op de vlgende Reekeningen, als. „ 12022: 13: 8: de Generalelasten bedragen als boven. . . . . - ƒ 23528: 10. — De winsten daar en tegen in op gemelde tijd behaald belopen. . . . . . . „ 116. 10 — zo dat de ongelden de oordeelen supaseren. . . . . . . ƒ 23412: — — . . . . „ 325: 12:— - - - - - - - - „ 3542: 17:— .. . . . . . . . . . . „ 2641: 9 — A:o 17 /3n bedroegen de lasten - - - - - - - - - - - - - - Gevol gelijk Toen ook meerder lasten aldswinsten - . . . - - - „ 11570: 12: — De winsten daar en tegen beliepen. - . - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 407: 3: — van den anderen gesubtaheert tomd aan dat dit Comp„ „toir in diet boekjaar bij vergelijking van 't voorige benadeelt is- - Veroorzaakt als volgt de voordeelen in 177:/3 beliepen ƒ 407. 3: — . . . En in dit boekjaar tellen dezelve maar - - - - - - - - - - - „ 116: 10 — over zulk monder momnten. . . . . . . . ƒ 290: 13: — . . . . . . . . ƒ 11041: 8:— Toond aan dat er dit Jaar meerder lasten zijn. . . . . . . . . ƒ 11550: 15: —. Timmeragie en Reparatie.- De winsten hebben dit Jaar bedragen _ - - - - - - - - - - - - - - ƒ 116: 10: — En A:o pass:o beliepen deselve - - - - - - - - - - - - - - - - „ 407: 3: — dus dit Jaar minder voordeel --- -- de meerdere lasten en mindere winsten bij den anderen gevoegd - - - - - - - - - ƒ 1150. 15. — Anders Tot de vermindering der winsten heeft alleenlijk gecintribueert de mindere onderwigten op den grote„ den Jnzaam van peper dan A.:o voorgangen. De vermeerdering der lasten heeft zijn oorspronk door het meerder verstrekte ten lasten van onkosten ordinaire Reekening van Schenkagie, onkosten Extra ordinaire zoldijen aan landen Tim„ meragie en reparatie. dentie in dit boekjaar veragterd: is . . . - - - - - - - . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ƒ 11841 8 — Accordeert - . . . . . . . . . —: —:—: „ 280. 10 — ƒ 4917: 15: — De lasten bebroegen n 1767. En in dit boekjaar belopen dezelve - - - . . - Dus dit Jaar meerder lasten - - - ƒ 11550 15 — De mindere winsten met de meerdere lasten gadeert comsteerd dat deze resi„ Generale Lasten deezen Jare A:o 1778/¼ A:o 177 2/3 Meerder Minder - - - - - -. . ƒ 3144: 4: 8 ƒ 3183: —: 8ƒ —: —:—:ƒ 38:16:— - - - - - - - - - - „ 3542: 17: —„ 3340 12: — „ 202: 5 — „ —: —: —. - - - - - - - „ 12022: 13: 8 „ 329: 5– „ 11693: 8 8„ — – – Addeert - - - - - - - - ƒ 23528: 10 — ƒ 1977:15—ƒ 12590:10 ƒ 1039: 15:—: - - - - - ƒ 1150: 15:— _o van scheepen - - - - - - - - - - - „ —. —: —„ 879:12: — „ —. —. —. „ 879 12: — onkosten van sE Comp: leijf eijgenen - - - - - - - „ 414: 6: —„ 471:14: 8„ —: — —„ 57: 8: 8: Hospitaals ongelden - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 325 12: — „ 389 10 8 „ —: —: —: „ 63: 18: 8: onkosten ordinaire - - - - - - - - - - - - - - - „ 2641: 9 — „ 2638: 11 — „ 2: 18: — „ —: —: —: Reekening van Schenkagie _ - - - - - - - - - - - - „ 47 17: 8„ —: —:—: „ 47:17: 8„ —: —: —: onkosten Extra ordinaire - - - - - - - - - - - - „ 1389 10: 8 „ 745: 9 8„ 644: 1: — „ —: —: —: van den anderen gesubtiacheert - . . . . . . . . . . „ 11977: 15 -: - - - - - - - „ 1039:5„ ƒ 11977„ 15: — Hospetaals ongelden. onkosten ordinaire zoldijen aan land - - - Timmeragie en Reparatie - - - - - - - onkostende van sE Comp: leijseijgenen. . . . . . . . . . „ 414: 6 — Reekening van Schenkagie - - - - - - - - - - - - - „ 47: 17: 8 onkosten bijtia or dinaire - _ - - - - - - - - - - „ 1389: 10: 8 Rantsomnen ordmnaire. - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 3144. 4. 8 De . . . . . . . . ƒ 290: 13: — . . 6 2 2 .- . -

NL-HaNA_1.04.02_3413_0021 view scan ↗

English

From Banjarmassing the 2nd October 174. — From Banjarmassing the 25th October 174. thus it appears that the comparison of the previous ledger and this year's is worse by a sum of - - - - - - - - - - - - - - - - - - . . - ƒ 11841: 8: — Having thus briefly stated the condition of this office, I proceed to the discussion of each debit account in detail, indicating wherein this increase or decrease consists, beginning with the increased debit entries amounting to ƒ12590:10:—. namely. Ordinary expenses _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ Solely caused by the higher amount of some consumed office necessities than the year before 17: 173. 8. increased because this account had no debits in the past year. Extraordinary expenses - - - _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ for the higher costs incurred for the solemn celebration of the first birthday of His Serene Highness the Young Prince of Orange and Nassau, the Lord Willem Frederik On account of more paid wages than the past year has as its reason the construction of a new dwelling for the resident and second, besides the relocation, reduction, and rebuilding of the rice warehouse. Carpentry and Repair _ _ - - - - - - - - - - - - - - - - 11693: 8: 8: Account of Gifts - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - Wages ashore _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 202: 5: — decreased debit entries amounting to ƒ1039:15: —: Namely. Ordinary rations - _ - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 38: 16: — originally because in the last month a smaller number of men were stationed here than in the past year and the lower amount of the emoluments for the Resident. 644: 5. — From which subtract the following losses, Namely on account of shortages on the pepper collected this financial year - - - - ƒ 2163: 14: 8 20 9. — ditto provided rice - - - - - - - - And the losses - - - - - - - - - - - - - 2184: 3: 8 thus remains in net profits - - . . - . . . - ƒ 116: 10:— Thus less profit - - - ƒ 290: 13: —. than the past year, caused by the greater short weights on the larger amount of collected pepper the gross profits amount to - - - - - - - - - - - - ƒ 2300: 13: 8 134: 4: — past Caused because this year one servant less has served caused by some less consumed medicines this difference in our favor is caused by the arrival of the ship the Orangeboom, for the unloading of which no native vessels were employed, as happened last year with the Erfprins which lay outside before the bar. Thus having shown the increase and decrease of the debits, I proceed to the gross profits, which consisted of the following, namely. profits obtained on diverse. on 626071½ lb pepper for the Chinese wangkang . . . . . . . . ƒ 2166: 9: 8 expenses of the Honorable Company's slaves - - - - - - - - - - - - - - - . . ƒ 57: 8: 8: on account of 1/15 wage agio - - - - - - - - - - - - - - - - Hospital charges - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 63 18: 8: Ship expenses - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - The 1 2: 18. — 29 1 2 1 76 879 12: — 31 From Banjarmassing the 2nd October 174. — The remainders as of the first of September 174. consist of Cash - - - - - - - - - _ _ _ _ _ _ _ _ - rds 1765 29/0. ƒ 762: 4: 8 ditto Merchandise 4006: 4. 8 Cannon 1547. — Honorable Company's Slaves 1205 4: 8 Diverse Timber for construction 5315: 13: — Ammunition of war 486: 13: — Armory goods 847: 4 — writing materials 14: 17: — Equipage goods 367: 2 — Materials 2804. 7. — Lodge dependencies 1404. 9— Craftsmen's tools 406: 4 — diverse goods running inland - - - - - - - - - - ƒ 12931: 12: — the General Remainders sum up to - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 103404: 17:— — According to the requisition of such Cash, Provisions, and further Office necessities as are required here for the financial year 1774 for the use of this Office, of which prompt fulfillment from Your High Nobilities is requested, Namely. Remainder today New Requisition for the financial year 1774. ƒ108000. first 3000 say thirty thousand pieces heavy round Spanish dollars to continue the pepper and diamond trade Goods for use and consumption _ _ _ _ _ _ - - - - - - 1202: 3 8 From Banjarmassing the 2nd October 174 Equipage Goods. 1. Say One old rope for oakum to tie the pepper bags. Craftsmen's tools 1 One hoed smithing coal 2: Two adzes 2: Two Axes. 2000 Two barrels Dutch beer Two thousand pounds of nails in types of 1000: - lb five inch and 1000: —. single and double 2000: - lb nails in types as before. Writing materials One seal of 10: rixdollars and 1: lb agio Uniforms. 50 fifty Men's Shirts. Materials. 700: seven hundred tubs Masonry lime 150 One hundred and fifty pieces sawn ribs of 2 to 3 inches 300 three hundred pieces tile battens A parcel of Masonry sand, and ditto Quarry stones. is. New Requisition for the financial year 1774 4. say four leagers of arrack in good casks as no cooper is on hand here. Remainder today diverse 2 2. 1. - ddl â 12:14. the piece . . . . . . - . . . . . ƒ 8100:—: —: 33

Dutch transcription

Van Banjermassing den 2: October 174. — Van Banjermassing den 25„' october 174. zo blifkt dat de Cmpar oerglijking van het voorgboek a desen Javer„ slimmert is een somma van - - - - - - - - - - - - - - - - - - . . - ƒ 11841: 8: — Den staat dezes Comptorirs dus in 't korte opengesegd hebbende, trede over tot de verhan„ „deling van eeder bast Reekening in't bijzinde met aanwijzinge naar in dis ver„ „meer of vermindering bestaat, beginnende met de Vermeerderde last posten ten bedragen van ƒ12590:10:—. als. Onkosten ordinaire _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _„ Eenlijk veroorzaakt door't meerder bedragen van eenige verbrukte Comptir behoeftens dan A:o bevorens 17: 173. 8. vermeerdert door dien deze Reek: in A:o voorleeden niets ten lasten heeft gehad. onkosten Eijtra ordinaia - - - _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ „ voor 't meerder bekostigde ter plegtige Celebeering van den eersten verjaar. dag van zijn doortugtige Hoogheid den Jongen prins van orange en Nassau den heere Willem Frederik Wegens meerder afbetaald soldijen dan A:o preterito heeft voor reden de opbeuwing van een suuwe roning vor den resident en sen „cunde, nevens de verplating, verklijning en vertimmering van 't ryst Pakhuijs. Timmeragie en Reparatie _ _ - - - - - - - - - - - - - - - - „ 11693: 8: 8: Reekening van Schenkagie - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ Zoldijen aan land _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ „ 202: 5: — verminderde lastposten ten bedragen van ƒ1039:15: —: Namelijk. Rantsoenen ordinaire - _ - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 38: 16: — oorspronkelijk als er in de Laatste /m: en geringer aantal meoren dan A:o 644: 5. — Waar van Subtahere de volgende verliezen, Hamelijk wegens minderheden op dien dit boekjaar ingezamelde Peper - - - - ƒ 2163: 14: 8 20 9. — _:o verstrekte rijst - - - - - - - - „ En de verliezen - - - - - - - - - - - - - „ 2184: 3: 8 zo testeerd aan zuijvere winsten - - . . - . . . - ƒ 116: 10:— Dus minder voordeel - - - ƒ 290: 13: —. dan A:o voorleeden veroorzaakt door de grotere onderwigten op de meerdere ingezamelde peper de Ruuwe winsten bedragen - - - - - - - - - - - - ƒ 2300: 13: 8 134: 4: — passato hier hebben guarnizoen gehouden en 't minder bedragen van de Emolumenten voor den Resident. Gecauseet door dien en dit Jaare een diensteling minder gediend heeft veroorzaakt door eenige minder vebruijkte Medicamenten dit different ten goede is veroorzaakt door de aankomst van 't scheepen de orangeboom tot welkers ontlossing geene Inlandsche vaartuigen ge„ Emploijert zijn gelijk in 't voorleden Jaar omtrent de Erffporins die buiten voor de bank geleegen heeft geschied is. Dus de vermeer en vermindering der lasten hebbende aangetoond, trede ovr tot de Ruwe winsten, die bestaan hebben in de volgende, als. winsten op diverse behaald. op 626071½. lb peper voor de Chineese wankang. . . . . . . . ƒ 2166: 9: 8 onkosten van 'sE Comp:s Legs eijgenen - - - - - - - - - - - - - - - . . ƒ 57: 8: 8: wegens 1/15 zoldij opgeld - - - - - - - - - - - - - - - - „ Hospitaals ongelden - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ - 63„ 18: 8: „ Onkosten van scheepen - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ pass=o De 1 2: 18. — 29 1 2 1 76 879 12: — 31 Van Banjermassing den 2:' cober 174. — De Restanten onder primo September 174. bestaan in Contanten - - - - - - - - - _ _ _ _ _ _ _ _ - r„o 1765 29/0. ƒ 762: 4: 8 _o „ Negotie 4006: 4. 8 Canon „ 1547. „ — 'sE Comp: Leijfeijgenen „ 1205 4: 8 Diverse Htoutwerken ter vertimmering „ 5315: 13: — Ammonitie van oorlog „ 486: 13: — Wapenkamers Goederen „ 847: 4 — schrijf gereedschappen 14: 17: — „ Equipagie goederen 367: 2 — „ Matterialen „ 2804. 7. — Logie dependentien „ 1404. 9— Ambagts gereedschappen „ 406: 4 — diverse binnen Lijns lopende goederen. - - - - - - - - - - ƒ 12931: 12: — „ de Generaale Restanten sommeeren - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 103404: 17:— — Na bijsche van zodanige Contanten Provisien en verdere Comptoi behoftens als er nodwendig tot den ver„ thier voor't oekjaar 17rke ten behoeven van dit Compatoir verlijsht werden, waar op e pompte vol„ doening van uwe Hoog Edelhedens werd Namelijk. Restant Nieuwen Eijsch voor 't boekjaar heeden 1774. ƒ108000. p:o 3000 zege dertig dusent stuks suwr vonde realen van agten tot voortzetting van den peper en diamant. han„ Goederen tot gebruijk en consumptie _ _ _ _ _ _ - - - - - - „ 1202: 3 8 Van Van jermassin de 2: cober 174 Equipagie Goederen. 1. Zegge Een oud Touw tot kabelgaarns tot 't vast binden der peper zakken. Ambagts gereedschappen 1 „ Een hoed smeekolen 2: „ Twee dissels 2: „ Twee Bijlen. 2000 „ Twee vaten bier hollandsch Twee duijzend ponden spijkers in soort van 1000: - lb vijf duijms en 1000: —. „ Enkelde en dubbelde 2000: - lb spijkers in soort als vooren. Schreifgereedschappen Een zegul van 10: rd:s en 1: lb op geld Monteringen. 50 „ vijftig Mans Hembden. Matterialen. 700: „ zeeven hondert balijs Metzelkalk 150 „ Een hondert en vijftig p:s gezaagde ribben van 2: a 3: d:m 300 „ drie _o p:s panne Latten Een parthij Metzel zand, en _o Klipsteenen. „den is. Nieuwen Eijsch voor 't boekjaar Diverse goederen tot gebruijk en Consumptie 1774 4. zegge vier leggers sraegapij in goed vatwerk also hir geen kuyper aan han„ Restand diverse 2 „ heden 2. „ 1. „ - ddl â 12:14. 't p:s . . . . . . - . . . . . ƒ 8100:—: —: 33

NL-HaNA_1.04.02_3413_0023 view scan ↗

English

Banjarmassing the 25th of October 1774. New requisition for the financial year 1771/72. Say, one sledgehammer 2 Two claw hammers 2 Two joiner's axes 6 Six braces 24 Twenty-four drill bits of various sorts 12 Twelve plane irons of various sorts 2 Two triangular saw files 2 Two flat triangular saw files 2 Two large saw files 6 Six mortise chisels of various sorts 6 Six pieces ditto 2 Two half-inch augers 2 Ditto three-quarter-inch ditto 2 Ditto whetstones 1 A turning chisel 4 Four trowels 4 Ditto whitewash brushes 1 One fore-hammer 1 One arm file 12 Twelve small files of various sorts 2 Two pincers 3 Three iron shovels 3 Ditto ditto tatjols 35 37 Respectful reply to the adjacent Extract of the Batavian Dispatch dated 1st of October 1773 by the undersigned Residents of Banjarmassing. From Banjarmassing the 25th of October 1774. Extract of the General Dispatch written by the Noble High and Honorable Lords Seventeen in the Fatherland to Their High Nobles the Governor-General and the Council of the Indies, dated 15th of October 1773, containing the matter of Banjarmassing. According to the latest reports from the Resident at Banjarmassing, the Sultan and his Regent, the Pangeran Ratu Anum, care less and less about the contracts with the Company, nor about the representations made from that side against their unlawful conduct; the admission of a third junk, directly contrary to those contracts and audaciously permitted in spite of the protests of the residents; the refused restitution of the bank of freedom, and more other occurrences of a similar nature are striking proofs of the little respect these Princes show toward the Company. Much improvement does not seem to be expected either, and the behavior of that Court, which was described by you as utterly deceitful and rapacious, and of which the residents say that nothing can be obtained through fair and friendly proposals. Meanwhile, from year to year, the expenses of this post increase, which in 1770/71 were again raised by f 4215:8:-, and then amounted to f 16786:5:8, while the profits have amounted to f 3673:-:8, such that Banjar in that year was not only a burden of f 13063:5:-, but apparently also in some of the next following years will serve as no less a burden to the Company. Against this, the entire import in 1770/71 consisted of 416235 pounds of black and 4975 pounds of white pepper, which, being burdened with the aforesaid sum of f 13063:5:-, as well as the shipping expenses and whatever further must be calculated therewith, cost the Company so dearly that little or no profit is to be made on it. This simple presentation of the state of this post thus most strongly confirms the considerations that we set down in our General Rescription of the 5th of October 1772, and upon which we continue to await your reply, in order to consider further after its receipt whether it is advisable for the interest of the Company to maintain our establishment at Banjar on the present footing, or whether it might be more serviceable, for the obtaining of the pepper and what the Company otherwise usually receives from there, to have recourse again to the means of which successful use was formerly made. However much the residents say in their answer to the extract of our dispatch of the 25th of September 1770 that the statements of expenses and profits were inserted in their letters as before, and you in your general dispatch of the last of December also... This was inserted by us in imitation of our predecessors without setting forth the reasons for said increase or decrease in the letters, but we shall henceforth take care that the explanations are added thereto in accordance with Your High Noble and Honorable orders. The very humble servants of Your High Noble and Honorable Lordships respectfully take the liberty to refer regarding this point to the superior judgment and report of Their High Nobles, but declare, under correction of wiser judgment, that it would be highly necessary to compel the Sultan in the most serious manner and under suitable threats to comply with the contracts and to prevent the smuggling of pepper.

Dutch transcription

Janjermassing den 25:' october 174. — Nieuwen Eijsch voor't boekjaar 177/2. „ zegge Een Mooker 2: „ Twee spijker hamers 2 „ Twee bint 6 „ zes omslagen 24. „ vier en twintig boor ijzers in soort 13: „ Twaalf schaaf bijtels „ 2: „ Twee driekanten zaag vijlen 2: „ Twee platte drie kante _o 2 „ Twee groote zaag vijlen 6. „ zes vermoor bijtels in soort 6. „ zes stuk _o 2: „ Twee half duijms avegaars 2 „ _o drie quart d:o 2: „ _o schuijff steenen. 1. „ Een draaij 4: „ vier Ttoffels 4: „ _o wit kwasten 1. „ Een voor hamer „ „ Een Armvijl 12 „ Twaalf kleene vijlen in soort 2 „ Twee Nijptangen. 3. „ drie ijzere schoppen Eerbiedige b'antwoording op nevenstaande Extract Patoeasche Missive de dato 1:' october 173. door de ondergeteekende Banjer massingsche Residenten. Van Banjermassing den 25 october 174. Extract Generale Missive geschreeven door de Edele Hoog Agtb: heeren zeventienen in 't Patria, aan hunne Hoog Edelheeden den gouverneur Generaal ende raden van Indie gedatad 15:' october 1773: vervattende de Materie van Banjermassing Volgens de laatste berigten van den resident te Banjermassing bekreunenden sulthan en zijnen rijksbestierder de pangerang Ratoe Anum, zig hoe langs hoe minder aan de Contrac„ ten met de Comp: nog aan de vertoogen die van havent weegen, tegens hun onwettige handelwijze werden gedaan, de admissie van een derde Jonk, direct strijdig met die Contracten en in oveerwil van de protesten der residenten stoutmoedig toe gestaan, de geweijgerde restitutie van de bank de vrijheid en meer andere voorvallen van gelijken aart, zijn voorslaan de blijken van de kleijn agting, welke =die princen toonen voor de Maatschappij te hebben, veel beterschap schijnt er ook niet te kunnen werden verwagt en het gedrag van dat hof, het welk door uE: werd beschreeven als toots bedriegelijk Aan Restent heden 3 „ _o _o Tatjols. 35 37 Van Banjermassing den 25: october 174. Van Banjermassing den 25:' october 174. — den sulthan op d' Ernstigste wijse en onder gepaste be„ drijgingen te noodsaaken tot de nakoming der contrac„ „ten en het sluijken van peeper te minageeren. sonder vertoog der reeden dier meer of minderheid in de brieven geincereerd dog sullen voortaan sorgdragen dat de vertoogen na luit uwer hoog Edel Agtb: bevel daar bij gevoegt werde. bedriegelijk en schraapzugtig, en van het welke de residenten zeggen dat niets door billijke en vriendelijke voorslagen kan werden verkreegen, Jn„ tusschen vermeerderen van Jaar tot Jaar de lasten van dit Comptoir, die in 177 o/ alweder verhoogt zijn met ƒ4215. 8. en als toen beliepen ƒ 16786:5:8: ten wijl de winsten hebben bedragen ƒ 3673:—: 8: zulks dat banjer in dat Jaar niet alleen is geweest en last van ƒ 13063:5:—: maar apparentelijk ook in Eenige der eerst volgende tot geen minder be„ swaar van de maatschappij zal strekken; daar teegens heeft den geheelen aanbreng in 177 /8 be„ staan in 416235: Ponden swarte en 4975. ponden witte Peeper die beswaart werdende met de voorschree„ „re som van ƒ 13063: 5:—: als ook met de scheeps ongelden, en het geen verder daar bij moet werden bereekend de Compagnie zo duur ko„ „men te staan, dat daar op wrijnig of geen voordeel te behaelen is. De zeer nedige dienaaren uwer Hoog Edel Dit Eenvoudig voorstel van den staat van als te vooren, in hunne brieven g'inser„ „reert werden, en uwe bij derzelver genera„ le missive van ultimo de amber zig ook Dit is door ons in naarvolging onse predesesuren Dat de vertogen der lasten en winsten Hoe zeer de residenten bij hun antwoord op het Extract onser missive van den 25: Sep„ tember 1770 zeggen. Agtbaarheden neemen eerbiedig de vrijheid hen omtrent dit Comptoir bevestigst dus ten sterkstede Con„ dit point te reffereeren aan het hoog wijser oordeel en ver„ sideratien die wij bij ons Generale rescriptie slag hunner hoog Edelheedens dog betuigen onder cortes„ „tie van wijzer oordeels dat het ten hoogsten nodig ware van den 5:' october 172. hebben ter nederge„ steld En waar op wij uw antwoord blijven te gemoed zien ten eijnde na dies ontfangst nader te overwegen of voor het belang van de maat„ schappij raadsaam is onsen set te Banjar op den teegenwoordigen voet aan te houden, of dat dien„ stiger zoude mogen zijn om ter bekoming van de peper, en het geen de Comp: buiten dien gewoonlijk van daar ontfangst, we„ der recours te neemen tot de middelen waar van voor heen met succes gebruik gemaakt is. dit reserteeren O agtb:

NL-HaNA_1.04.02_3413_0025 view scan ↗

English

From Banjarmassing, 25 October 1774. From Banjarmassing, 25 October 1774. Referring to the statement of accounts which was said to be contained in the letter from the servants dated 16 November 1771, this statement of accounts was nevertheless not found in the copy of that letter which we received. In it, a statement of the expenses and profits as well as the greater or lesser decline of this trading post was indeed provided; however, neither the explanation of the reasons for that increase or decrease nor the comparison thereof with the household memorandum are to be found in that letter. That explanation is nonetheless necessary in order to be able to judge the causes of the increased or decreased expenses and profits. It is also for this reason that we have repeatedly demanded those statements of accounts, and it gives us reasonable cause for displeasure that this order has not been complied with. We shall, however, overlook this negligence for this time; yet the residents may rest assured that, upon the first discovery of such neglect, we shall endeavor by other means to rouse them to their duty. Of the servants, there currently depart for Your Right Excellencies: 1 Assistant 2 Third Mates 1 Carpenter 1 Corporal, and 1 Soldier; however, this last person is considered an unfit subject, as it has been discovered here that he bears the marks of a judicial punishment received in Europe, as appears from the enclosed report of the two returning third mates. In contrast, we request Your Right Excellencies to send: 1 Surgeon 1 Mason 1 Corporal, and 3 Soldiers. While the servants remaining here consist of: 1 Junior Merchant and Resident 1 Bookkeeper and Second 1 Assistant 1 Third Mate 11 Artisans 1 Sergeant 16 Carried forward. From Banjarmassing, 25 October 1774. 16 Carried forward 1 Corporal 1 Drummer, and 23 Soldiers. 41 Europeans and 16 Moorish seafarers, namely: 1 Serang 1 Tindal, and 14 Sailors Together 57 head. Meanwhile, we have the honor to remain with profound submission, Right Honorable, Highly Esteemed, Sovereign Lord and Honorable, Greatly Esteemed Gentlemen. Your Right Excellencies' humble, obedient servants. Signed: W. A. Palm and D. Ruhde. In the margin: In the trading post at Banjarmassing. Tatas, 25 October 1774. List of the vessels that have arrived here since 1 September of the past year until the last of August of this year, namely: A pantjallang, in Batavia, destined for Banjarmassing Pantjallang, Samarang, destined for Mampawa Ditto, destined for Banjarmassing Ditto, Bali, destined for Banjarmassing Ditto, destined for Mampawa Ditto, destined for Palembang Ditto, destined for Banjarmassing Paduackang, Macasser Sloop, Sourabaija Sloop, Sourabaija Paduackang, Macasser Sloop Gonting Gonting Pantjallang, Samarang, destined for Mampawa Ditto, destined for Banjarmassing Ditto, Bali, destined for Banjarmassing Ditto, destined for Mampawa Ditto, destined for Palembang Ditto, destined for Banjarmassing [illegible]

Dutch transcription

Van Banjermassing den 25:' october 1774. Van Banjermassing den 2: october 174. refereeren tot de staat reekening welke in de brief der bedienden in dato 16. November 171. zoude zijn vervat, zo werd egter in het afschrift, welke wij van die brief hebben ontfangen die staat reekening niet gevonden, daar in is welgedaan eene opgave van de lasten en winsten mitsgaders van de meer of mindere veragtering van dit Cmptoir, dog het vertoog van de reedenen dier meer of minderheid, nog de Comparatie van dien met de memorie van menagie, zijn in die brief niet te vinden, dat vertoog is egter nodig om te kunnen oordeelen over de oorsaaken van de vermeerderde of verminder„ „de lasten en winsten, 'T is ook daar om dat wij die staat Reekeningen bij herhaal hebben ge„ requireert, en het geeft ons billijke reeden van mis„ „noegen dat aan die order niet is voldaan, wij zullen echter dit verzuim nog voor deeze reijze passeeren, dog de residenten kunnen zig verzekerd houden dat bij de eerste ontdekking van dusdanige nalotigheid wij hun door anderen middelen tot hun pligt zul„ len tragten op te weeken. van de dienaten vertrekken Thans tot uwe hoog Edelhedens over 1. adsistend. 2. derde meesters 1. Timmerman 1. Corporaal, en 1. soldaat, dog deze laatste als een onbekwaam subject gecon„ sidereert men hier ontdekt heeft hij de kent te kenen van een in Europa ontfangene Justiteele Correctie bij zig dragt, blijkens 't hier nevens gevoegde berigt van de twee te rug keerende derdemeesters. daar en tegen verzoeken on uwe hoog Edelhedens de toezending van 1 Chirurgijn 1. Hetselaar 1. Corporaal en 3. Soldaten. Terwijl de hier verblijvende dienaaren bestaan in 1. onderkoopman en Resident 1. Boekhouder en secunde 1. Adsistent. 1. der demeester 11. Ambagtsgezellen 1. sergeant. 16. die Transporteere. van 4 Van Banjermasseng den 8:' ctober 174. — 16: die P:r Transport. 1. Corparaal 1. Tamboer en 23. Soldaten. 41. Eutopees en 16. Moorsche Zeevarende, als 1 Sarang 1. Tandel en 14. Mattroosen In middels hebben w' de Eer met diepe submissie te zijn: /:onderstond:/ Hoog Edelen Hoog Agtbaren wijdgebiedenden Heer en wel Edele Groot Agtbaare Heeren. /:lager:/ uwe Hoog Edelhedens Ne„ derige gehoorzame dienaaren /:was geteekend:/ W: A: Palm, en D: Ruchde /:in margine:/ In't' Comptria tot Banjermassing te zamen 57. koppen. Tatas den 25:' October A:o 1774. ste der Vaartuijgen, dewelke t' zedert p=mo September A.:o p Tot ult„o Aug:s dezer alhier zijn aangekomen, als. ellang in Batavia in Banjermasing Gedestineerd _o allang, Samarang „ Mampawa _o „ Banjermassing _„o „ Balij _„o „ _„o „ Banjermassing Mampawa Palembang Banjermassing _o „ _o d kang „ Macasser up „ sourabaija _ o _o _o „ _o _o _„o s„o Banjermassing den 25 October 1774. Can Coup„ ing „ - „„— - _„o „ _„o „ „ „ _o „ __o „ — - - - - _„o „ _„o „ _o de _o _o _o„ _o „ „ _o _ - „ _o„ _o _o _ „ _o „ rup - - - : _o _o _o _o do e _o _o _o _„o 9„ _:o _:o _„o _„o „ 41 Van Banjemassen dn 2:' october 174. — 16: die P:r Transport. 1. Corparaal 1. Tamboer en 23. Soldaten. 41 Eurpends en 16. Moorsche Zeevarende, als 1 Sarang 1. Tandel en 14. Mattroosen te zamen 57. koppen. In middels hebben w' de Eer met diepe submissie te zijn: /: Hoog Edelen Hoog Agtbaren wijdgebiedenden Heer en w„ Groot Agtbaare Heeren. /:lager:/ uwe Hoog Edelhee derige gehoorzame dienaaren /:was geteekend:/ W: A: Fe D: Ruhde, /:in margine:/ In't' Comptoir tot Banjerm. Tatas den 25:' October A:o 1774. Chialoup „ Sourabaija Paduackang Macasser Chailoup „ Gonting „ Gonting Pantjallang„ Samarang „ Mampawa _o „ Banjermassing Balij _„o „ Banjermassing _o _o _e _o _„o „ „ Mampawa _o „ Palembang _o „ Banjermassing _ o „ o o _o _ o _o _o x _„o _:o _:o _„o _o, Liste der Vaartuijgen, dewelke t' zedert p=mo September A.o p Tot ult„o Aug:o dezer alhier zijn aangekomen, als. Pantjallang in Batavia in Banjermasing Gedestineerd __„o Chialoup „ Van Banjermassing den 25 October 1774. __o - - - _o _„o „ _„o „ _„o „ _„o „ „ - - _o „ _o „ _o _o „ - - _o - - - - _o _o _o _o _o _ _ _o„ _o „ _o„ „ - _ - - - _o _o _o „ _o „ - - _o „ 3 _ _o _o _d _o - _o„ _„o „ _„o „ - _„o _„o 9„ _„o. 1 _„o 41 Van Banjermassin de 2:' october 174. — 16: die P:r Transport. 1. Corparaal 1. Tamboer en 23. Soldaten. 41 Europaas en 16. Moorsche Zeevarende, als 1 Sarang 1. Tandel en 14. Mattroosen In middels hebben w' de Eer met diepe submissie te zijn:, Hoog Edelen Hoog Agtbaren wijdgebiedenden Heer en n Groot Agtbaare Heeren. /:lager:/ uwe Hoog Edelhe„ derige gehoorzame dienaaren /:was geteekend:/ W: A: G: D: Ruhde /:in margine:/ In't' Comptoir tot Banjern te zamen 57. koppen. Tatas den 25:' October A:o 1774. „ Chailoup „ _o „ Paduackang Macasser Chialoup „ Sourabaija _o Mampawa _o „ Palembang _o „ Banjermassing d _ o„ Balij _„o „ Banjermassing _o _o _„o „ _„o „ Gonting „ Gonting Pantjallang,„ Samarang „ Mampawa _o „ Banjermassing x _o o _o _o _ o _o _„o _„o _:o _„o - Van Banjermassing den 25 October 1774. Liste der Vaartuijgen, dewelke t' zedert pmo September A. o p Tot ult„o Aug:o dezer alhier zijn aangekomen, als. Een Pantjallang in Batavia in Banjermassing Gedestineerd Chialoup „ _:o - _o „ - - - _„o _o „ _„o „ _o _„o „ _„o „ - - „ - - _o „ „ _o „ _ _o „ - „ - - _e _o - _o „ _o - „ 1 _o„ _o „ _o„ _ _ _ - _d - _o _o _o - - - _o _o _o „ - _o„ _ _o _o _o _o _o _„o _„o _„o _„o P: „ _„o „ _„o„

NL-HaNA_1.04.02_3413_0029 view scan ↗

English

Sloop Prauw mayang Gonting Pencalang Bark Gonting Sloop Padewakang ditto Sloop ditto 80 Sloop Pencalang ditto 8 10 Padewakang Gonting ditto ditto 8 ditto ditto 17 Mandarese 32 21 Banjarese ditto ditto 6 ditto ditto 26 Bugis 3 10 ditto Sloop Pencalang Gonting from Sourabaija to Banjermassing Bound for Passir ditto Banjermassing ditto Except some Padewakangs, Gontings, and other small vessels that arrived here without passes. Below stood: In the Netherlands Office at Banjarmassing Tatas, the last of August 1774. Signed: W. A. Palm. List of the vessels that departed from here since 1 September of the past year to this date, namely: A Padewakang to Batavia, burden [illegible] lasts, manned with 18 Mandarese ditto 8 ditto ditto 16 ditto 8 ditto 18 Mandarese ditto 5 22 ditto 5 ditto 16 ditto ditto 17 ditto and 1 Chinese ditto 7 Banjarese ditto ditto 12 1 12 Malays ditto 28 Banjarese ditto 10 13 Javanese and 3 Chinese 30 29 Banjarese ditto ditto 90 ditto ditto 23 Javanese and 5 Chinese ditto ditto 4 ditto ditto 9 Malays ditto 12 21 Passier Total 58 vessels. ditto Sassir Banjermassing Sloop Grissee. Pencalang A 6 7 0 Gonting Prauw mayang 0 9 A 1 8 24 vessels to Batavia Sloop ditto 15 24 Banjarese 14 12 ditto ditto ditto 4 4 ditto ditto 8 ditto ditto ditto 20 3 0 0 ditto ditto ditto ditto ditto 0 1/20 43 0 Burden 5 lasts, manned with 18 Banjarese 13 10 26 Banjarese Pencalang ditto ditto Sloop Padewakang ditto Pencalang Gonting Pencalang Pencalang ditto Sloop Pencalang Sloop Pencalang Gonting Padewakang 0 29 vessels to Samarang 4 Pencalang to Sourabaija, burden 12 lasts, manned with 9 Javanese and 3 Chinese Gonting Pencalang Padewakang ditto 7 Bugis 1 Gonting 6 17 Javanese. 3 Gonting Pencalang ditto 8 15 25 ditto Sloop Prauw mayang 4 15 18 Malays. Gonting 8 Pencalang 9 16 ditto Pencalang 15 14 Banjarese Gonting Prauw mayang Grissee. 33 vessels to ditto 0 6 Pencalang 17 ditto Pencalang to Cheribon, burden 20 lasts, manned with 38 Banjarese 14 Malays ditto 6 Prauw mayang ditto ditto Padewakang 2 vessels to Cheribon Pencalang 22 14 Javanese and 3 Chinese. A Gonting to Macassar, burden 8 lasts, manned with 38 Banjarese Gonting Pencalang ditto 10 ditto ditto Pencalang 20 Banjarese Prauw mayang Vessels to Sourabaija. Vessels to Macassar. Pencalang Sloop 5 6 Javanese and 3 Chinese 4 Malays 15 Bugis Gonting Sloop 6 15 Javanese. 4 7 Malays Sloop 2 8 Javanese Gonting Gonting 20 3 9 Sumenepers. 3 10 Padewakang 3 ditto 6 5 A Prauw mayang to Samarang 22 Banjarese 10 Javanese and 4 Chinese 23 Sassirers ditto 16 ditto 1 13 Bugis 16 Javanese 25 ditto and 2 9 ditto 1 European and 15 Javanese 15 Malays 7 Bugis ditto ditto 20 14 ditto 4 ditto 30 15 Banjarese 4 19 Bugis 5 16 Malays ditto 8 9 Javanese 1 Chinese 7 ditto ditto 2 Malays 8 10 ditto 5 9 Banjarese. 8 12 Malays. 10 ditto and 4 ditto 8 14 Banjarese. 6 10 Javanese and 4 Chinese ditto 3 8 16 Bugis. 10 Javanese Pencalang Gonting 20 Pencalang ditto 6 Prauw mayang 8 Sloop 15 15 Gonting 10 12 ditto Gonting 5 Sloop 10 15 ditto 25 ditto Gonting Pencalang Sloop Pencalang Sloop Gonting Sloop 10 ditto 9 8 21 ditto 20 ditto 17 ditto 17 ditto 13 Malays. 15 Javanese 1 Banjarese 1 European, 32 Javanese, and 1 Chinese 16 Sumenepers. ditto and 3 Chinese. 13 ditto and 2 18 Javanese 8 ditto 3 5 20 Banjarese 8 14 Banjarese 20 ditto 3 ditto 17 15 Sumenepers. ditto and 3 Chinese ditto and 3 12 Javanese 12 ditto and 2 Moors 8 Banjarese 6 10 Javanese and 2 Chinese. A Prauw mayang to Grissee, burden 8 lasts, manned with 9 Javanese and 2 Chinese 5 30 1 24 1 4 20 8 7 10 ditto 1 A ditto ditto ditto 15 ditto ditto ditto 25 ditto ditto ditto 20 3 ditto 4 20 ditto 6 8 7 30 1 20 17 24 12 18 ditto ditto ditto ditto 25 10 20 12 ditto ditto 10 ditto 9 22 11 Banjarese ditto ditto ditto 3 3 19 45 Summary. 24 vessels to Batavia 29 ditto to Samarang 19 ditto to Sourabaija 33 ditto to Grissee 2 ditto to Cheribon 3 ditto to Macasser. 1 ditto to Aymuy in China. 111 vessels in total. Below stood: In the Netherlands Office at Banjarmassing Tatas, the last of August 1774. Lower: Thus extracted from the pass-book kept here. Signed: D. Ruhde. A junk to Eymuy, burden 250 lasts, manned with 201 Chinese. Examined P. van Willem Incoming Letterbook Timor 1774 from Examined P. van Willen Incoming Letterbook Timor 1774 from

Dutch transcription

Chailoup P„r majang. . . Gonting Pantjallang Bark Gorting, Chailoup „ Paduakang _:o Chailoup „ _:o —80 — — Chailoup - - „ — Pantjallang „ _o — 8 —„ _ — 10 — Paduackang Gonting. . . . . . . . . „— _„o —8 _ _o _o 17 Mandareesen. — „ — /32 — — —. 21 Banjareesen _„o _o 6 —: _o _ 26 Boegineesen —: — 3 — _ _ 10 _o Charloup Pantjallang Gonting van Sourabaija na Banjermassing Gedestineerd Passir _o banjermassing - do Excepto Eenige Paduackangs, Gontings en andere kleene vaartuijgen dewelke zonder passen alhier zijn aangekomen /onderstond/ In 't N:s Comptoir tot Banjermajoing Tatas ult:o Augustus 1774. /was getekend: W A Palm. Lijst der Vaartuijgen dewelke 't zedert p: September A„o p: tot Dato deezer van hier vertrokken zijn; als. „ Een Paduackang - - na Batavia Groot de Lasten bemand met 18 Mandareesen 0„- _„o —o 8 _o— _o _o 16 _o— _o — 8 — _o — 18 mandareesen _o — 5 _ —: —: 22 _o — 5 — — _o _ 16 _o _o — 17 _„o en 1 Chinees _o _ 7 Banjareesen _o _:o 12 — —1 —: 12 Maleijers _o 28 Banjareesen _:o — 10 —o —„— 13 Javanen en 3 Chineesn _ — 30 — _ — 29 Banjareesen _o _o 90 — _o _o 23 Iavanen en 5 Chineesen _o _o 4 _o _ _o 9 Maleijers _o _ 12 — — — 21 — Passier Te Zamen 58 Vaartuijgen. e _:o „ Sassir „ Banjermassing d Chailoup „ Grisse. Pantjallang. „ Een „ „ - - _o - „ „ „ „ „ :- - 6 7 0 d _ _ e ƒ _o „ - - - _o „ _o „ „ „ - „ „ „ _ e _o _ _o - Gonting „ „ „ - „ „ „ „ - - „ „ „ P:r majang „ „ - „ _o - - - - - . - 0 „ _o „ „ _ _o „ _o „ _ „ „ _o _o„ _o„ _o _o 9 _o d _ _o Een _o 1 : „ „ „ „- „— „— „— „ _o _o 8 — _ „— „- - „- „- - „- „- 24. Vaartuijgen na Batavia Cailoup. - „ „ „ - _ o „— _o - -. d:o - —„ — — — — — — 15 — _ — 24 Banjareesen — 14 — — 12 — _o _„o _o —4 — — —„ — 4 — — _o _o 8„ _„o _o _:o 20. — „- _o - _ _o e 3 0 0 _o _o _o o _o _o 0 _o _ _ ƒ _o __ - _„ o „ _o„ „ _o _o _o _o„ _o „ _o„ - o — 1/20 _ 43 0 Groot 5 Lasten bemand met 18 Banjareesen — — 13 — — 10 — — — 26 Banjareesen Pantjalling _o _o Chailoup Paduachang. . . „ _„o Pantjallang „ Gonting--- - - Tanjallang Pantjallang - - - „ — _o - „ Chailoup - - - - - „ — Pantjallang Chailoup Pantjallang Gonting _ _o „ Paduackang - - - „ ƒ 0 29 Vaartuijgen na Samarang d 4 Pantjallang. . . na Sourabaija groot 12 Lasten, bemond met 9 Javanen en 3 Chineesen Gonting- - „ -----„— f „Pantjall:„— Paduackang - - -„ — _o – 7 Boegineese 1 Gonting „ —— 6 — — — — 17 Iavaanen. —„ — 3 Gonting - - - - - - - „ — Pantjall„— _o — — 8 — --- - „— —„ —„ 15 — — 25 _:o Chailoup „— T' majang„ — 4 — —— 15 — — — 18 maleijers. Gonting 8 Pantjall. „ 9. — — — 16 _:o Pantjallang „ - — 15 — — — 14 Banjareesen Gonting be majang Grissee. 33 Vaartuijgen na „o - 0 6 Pantjallang — — 17 _o „ Pantjall: „ Chiribon groot 20 Lasten bemand met 38 Banjareesen — — 14 maleijers _:o - 6 - p:s majang _„o„ _„o Paduackang 2 vaartuijgen Na Cheribon Pantjallang — 22 — — — 14 Iavanen en 3 Chineen Een Gonting na Macasoer groot 8 Lasten bemand met 38 Banjereesen Gontung Pantjal„ _:o _o 10 _„o _„o Pantjallang„ — 20 — Banjareesen Po majarg„ Vaartuijgen na Sourabaija. Vaartuijgen na Macasser. Pantjalling. . . . „ — Chailoup - - - - „ — _ — 5 — — — 6 Iavanen en 3 Chineesen — 4 — — — „ Maleijers — 15. boegineesen Gonting Chailoup - - . . „ — — — 6 — — - 15 Iavanen. — 4 — — „ - 7 maleijers Chailoup - - - - „ — — 2 — — — 8 Iavanen „ Gonting. - - - - „— „ Gonting „ — — 20 — —„ — „ 3 — — —9 sumanappers. 3 — „ — „ - „ - - 10 Paduackang. . . „— —„ 3 _ .. . - „— _o —„ — 6 — -: 5 - „ „— „ - Een Prauw majang na Samarang – 22 Banjareesen — — 10 Iavanen en 4 Chinees„ —. — 23 Sassireeren _o — — 16 _o —1 — 13 boegineesen — - 16 Iavanen – 25 _o en 2 — 9 _:o — — — 1 Europees en 15 Iavanen —: — /15 Maleijers —: — 7 Boegineesen _:o _o — 20 — — — 14 _o „ 4 _o — —: 30 _ —: — 15 banjareesen —„ — 4 — — „ — 19 Boegineesen — 5 — — — jb maleijers _:o — — 8 — — — 9 Iavanen „ 1 Chinees — — 7 _o _o — 2„ Maleijers —: 8 —: — — 10 _:o — 5 — — — 9 banjareezen. — — 8 — — — 12 maleijers. — – 10 _o en 4 _o —. —: 8 —: — — 14 Banjareesen. — 6 _ — — 10 Iavanen en 4 Chineesen „ _o „ — — 3 — 8 — — — 16 Boegineesen. — — 10 — — — „ Iavanen _ Pantjall: „ — Gonting„ - —— 20 — Pantjall:„ __:o„ — 6 — J:majang„ 8 Chailoup„ — — — 15 — „- — — 15 — - Gonting „ — — 10 — — — 12 — „ _o „ „ Gonting „ — — 5 — „ Chailoup „ — — — 10 — — — 15 _o — 25 —. — „ _„o „ — „. Gonting„— Pantjall„— „ Chailoup „ „Pantjall„— Chailoup „ Gonting - „ Chailoup. — — „ — — 10 — _:o „ _ 9 —— — 8 — — — 21 _. o — 20 _o — — 17 _„o — — — „ — 17 _:o — 13 maleijers. 15 Javanen „1. Banjareesen — 1 Europees 32 Javanen en 1 Chinees — — 16 Sumanappers. — — „ _:o en 3 Chineesen. — — 13 _o i 2 — — — 18. Javanen — — 8 _o „ 3 — — — 5 — — — 20 Banjareesen — — 8 — — — — 14 Banjareesen — — 20 — — — „ _„o „ 3 _„o 17 15. Sumanappers. _o en 3 Chineesen _o en 3 — 12 Iavanen 12 _o en 2 Mooren 8 Banjareesen —: 6 —: _: —: 10 Iavanen en 2. Chineesen Een Pmajange Grijse groot 8 Lasten bemand met 9 Iavanen en 2 Chineesen „ „ „ - „— „— - - _ — — 5 -30 —1 — 24 — 1 — 4 — — — — — — — — 20 — — 8 — : 7 — 10 — _o „ „ „— „ „ „ „ „ „— 1 „ „ „ Een - „ „ „ „ „ „— „ „- „— „ „ - _o —„ _o _o _o 15 — - _o — — — — 25 — _o _:o _o , „ —: 20 — — 3 —. _o 4 — 20 —„ — „ _o „ —— 6 — — 8 — —— 7 — — 30 — - — - - - 1 - - - - - — — 20 — —— 17 — ƒ — 24 — - - — — - —„ —— 12 —— - „ — 18- - - _ o _o _„o _„o _„o — — - — — 25 — —— 10 — —„ — — 20 — — - — 12 — — _o„ „ _o _ - — — 10 _:o —9 - — — 22 — 11 banjareesen _o _o _o 3 — — 3 „ „ 19 „ „ 45 Sommarium. 24 Vaartuijgen na Batavia _„o „ Samarang 29- _:o „ Sourabaija 19 33 _o „ Grissee _:o „ Cheribon _o „ Macasser. _:o „ Aijmuij in China. 111 Vaartuijgen te zaamen. /onderstond:/ I„n T N Comptoir tot Banjormassing tatas ult:o Aug:s 1774 /lager:/ Aldus geextraheerd uijt het passeboek alhier berustende, /was geteekend:/ D Ruhde. Een Ionk na Eijmiij groot 250 Lasten bemand met 201 Chineesen 3- 2 1- Nagesien P. Van Willem Inkomend. Briefboek Timor 1774 van Nagesien P: van Willen Inkomend Briefboek Timor 1774 van

NL-HaNA_1.04.02_3413_0034 view scan ↗

English

Register of such papers for the Netherlands as are now sent per the small vessel De Jonge Petrus Albertus from Timor to Batavia, namely: A: Two copy missives from the Chief and Council, dated this day, written to Their High Nobilities. B: Two copy missives dated 2 June of this year, sent with the bark of the burgher Lieutenant Arnoldus van Este. C: A set each of two copy resolutions dated 27 January and 1 August of this year. D: Two copy reports, including the records of oath of the Commissioners to the island of Rotti, the Military Ensign Johan Andreas Bauer and Scribe Jan David Tekenborgh, detailing their proceedings there. E: Two copy reports by the specially appointed committee, the Chief Surgeon Johannes Beekman, Ensign Engineer Jan Baptiest Pilon, and Scribe Jan David Tekenborgh, concerning their findings on the defects of the roof of the Reformed church here. F: Two copy reports of the commissioners concerning the estates of the Honorable Company's deceased servants of the year 1773/1774, in duplicate. G: Two copy memoranda of the remaining textiles still on hand here. H: Two copy memoranda of cannons and various ammunition. I: Two copy lists of the coins, measures, and weights. Coepang on Timor, the 15th of September Anno 1774. Agrees, J. J. Schenborgh, Scribe Batavia The Introduction To the High Noble, Right Honourable, Far-Ruling Lord Petrus Albertus van der Parra, Governor-General, together with the Right Noble Lords Councilors of Netherlands India, at Batavia. To His High Nobility: High Noble, Right Honourable, Far-Ruling Lord and Right Noble Lords. Per the small vessel De Jonge Petrus Albertus. We had the high honor, per the burgher bark D'Olimphia, to send to Your High Nobilities our humble letters of the 2nd of June last, and of the same.

Dutch transcription

Register van zodanige Papieren, voor Nederland als thans per het scheepje d' Ionge Petrus Albertus van Timor na Batavia gezonden wor„ den, als — A: Twee Copia Missives van het Opperhoofd en Raad, de dato deses aen haar hoog Edelheeden geschreeven d: d 2 Iunij deses Iaars met de Barcq van den burger Luitenant Arnoldus Van Este verzonden „stel ijder van twee Copia Resoluties de dato 27 Iann: en 1 aug„s deses Iaars D Twee Copia Rapporten annex de actens van Eed van de Commissianten ten Eijlande Rottij, den vaendrig Militair Jo„ „han Andreas Bauer en Scriba Jan David Tekenborgh, Denoteerende haere verrigtingen aldaer E twee Copia Berigten door de Expresse gecommitteerdens den opper„ „meester Iohannes Beekman, vaendrig Ingenieur Ian Baptiest Pilon en scriba Jan David Tekenborgh, betreffende hunne bevindinge, der gebreken van het dak der Gereformeerde kerk alhier „ _„o der gecommitteerdens weegens de Nalatenschappen van sE Comp„s overleedene Dienaeren van den Iaare 177¾ in duplo G Twee Copia memories der alhier Per Restant Lopende Lijwaaten _o van Cannons en scherp Divers „ „ Lijsten der munten maeten en Gwigten Coepang op Timor den 15:' September A„o 1774 36 „ „ — Accordeert J„ J Schenborgh Schriba va o B C „ „ „ F „ Batavia de Inliding Den Hoog Edelen Groot Agtbaaren Wijdgebiedenden Heere 1 Petrus Albertus van der Sarra, Gouverneur Generaal De Wel Edele Heeren Raaden van Nederlands India Benevens Aan zijn Hoog Edelheijd Hoog Edeles Groot Agtbaare Wijdgebiedende Heer En P„r het scheepje de „ Petrus Albertus Wij hadden de Hoge Eere, per de Burger Barcq D'Olimphia uw Hoog Edelheedens onse submisse Letteren van den 2=e Junij J:o Leeden, te laten toekomen, en Wel Edele Heeren deszelfs 2 De Inleiding Den Hoog Edelen Groot Agtbaaren Wijd gebieden den Heere Petrus Albertus van der Sarra, Gouverneur Generaal De Wel Edele Heeren Raaden van Nederlands India Benevens Aan zijn Hoog Edelheijd Batavia Hoog Edele Groot Agtbaare Wijdgebiedende Heer En P„r het scheepje de Jb„ Petrus Albertus Wij hadden de Hoge Eere, per de Burger Barcq D'Olimphia uw Hoog Edelheedens onse submisse Letteren van den 2=de Junij J:o Leeden, te laten toekomen, en Wel Edele Heeren deszelfs 2

NL-HaNA_1.04.02_3413_0038 view scan ↗

English

The duplicate thereof we enclose herewith, having thereby, upon the arrival of the vessel mentioned in the margin, which is currently undertaking its return voyage again, dutifully reported along with other matters. We now proceed to a respectful, general report of affairs, and to answer Your Right Honourables' respectful original unpack-note and letter of the last day of December of the past year, wherein, observing the order, we initially make a beginning under the heading of ships and vessels, noting their cargoes, to note that the cargo of the above-mentioned vessel was indeed delivered according to invoice, except for two cases of brandy for the regents of Termano and Corbasso, and one piece of neckerchiefs for the regent of Lando, as respective gifts, on both of which entries the commander Jacob Sam accounted for himself reasonably satisfactorily in our meeting on the 1st of August of the current week, giving as a reason that the former were not received at Batavia, according to what was said by the administrators in the sugar warehouse, not being in remainder; and that this is noted on the back of the order, whereby the truth of his statement will appear; and concerning the piece of neckerchiefs, that this must be a notorious omission during the unpacking, to be gathered from the unpack-note itself signed by the commissioners Leeman and Grebel, as the piece of neckerchiefs is not listed thereon, and furthermore, case No. 51, in which it was supposed to be, was indeed delivered by him at gross weight, which latter point the second officer of this place confirmed in a submitted report of his findings upon these delivered items and Your Right Honourables' order of the 15th of August 1764, resolved on that day to charge back this piece of neckerchiefs to the head office by invoice, sending along the original unpack-note, as we have the honour to present to Your Right Honourables among the appendices of this letter. And however acceptable the reasons of this commander seemed to us, we could not refrain, in compliance with the order, from nevertheless charging to his account the cost of these two cases of brandy, amounting according to calculation to ƒ 48. 17. — Netherlands currency (given the early demise of his chief mate), while nevertheless accepting a respectful presentation of his submitted statements to Your Right Honourables, to whose renowned equity we have also taken the liberty to refer him for relief, everything to be found at large in the resolution of that date, passing along among the appendices, just as in this interest we also venture to support with our humble intercession the meek request of the aforementioned regents, for whom these gifts had been planned, to be favoured therewith on the next occasion. While we accompany this with a copy of the report submitted by the officers of the aforementioned vessel, which shows that on their voyage they discovered nothing else, and confirmed the fulfillment of Your Right Honourables' petition for slaves, we therefore also in conformity decided the cost of this cargo.

Dutch transcription

Het Eerste Articul van 2. kelders brandewijn en 1. stuk neusdoeken inge bezijden genoemde scheepjes Waar over den gezaghebber zig in vergadering verand woord heeft. regenten van Termano Corbaffo & Lando, om als mogen Erlangen. van deesen bodem, die niets op de reise ontwaart hebben, Indiase Regeeringe, en belofte zijne belangen voor te dragen het bedraagen der 2. kelders brandewijn den gezaghebber op reeks: te belasten stuk neusdoeken na Batavia terug te Reekenen. desselfs Duplicaat, voegen wij hier nevens, zijnde daar bij de komste, van het in margine genoemde scheepje, dat thans de terug reise weeders aanneemt, nevens nog andere zaken, schuldpligtigst bedeelt, Thans gaan wij over, tot Een Eerbiedig, Generaal verslag van „zaken, en ter beandwoording, uwer Hoog Edelheedens respectueuse origineele afpakbriefje & Missive, van den laatsten December A=o pass=o, waar inde ordre observeerende, aanvankelijk Een beginmaken, met onder het Scheepen en Vaartuijgen, stient, derselver Ladingen, denoteert een te kort koming te noteeren, dat de Ladinge, der hier boven genoemde Bodem:, Conform: factuur; wel uijtgeleevert is, Excepto Twee kelders „schenk, op de lading van het hier brandewijn, voor de Regenten van Termano en Corbasso, en Een stuk Neusdoeken, voor den regent van Lando, respective in geschenk, over welke beide posten, zig den gezaghebber Jacob sam, in onse vergadering, op den 1=ste Aug„s J=o Weeken, tame„ =lijk voldoende verandwoord heeft, gevender voor reeden, dat des Eerste op Batavia niet ontfangen zijn, als volgens het gezegde der administrateurs in 't zuijker Pakhuijs niet per restant; En dat zulx genoteert is, op den Dorso der ordonn: waar bij, de waarheijd, van zijn voorgeeven zal Constreeren; En betreffende het stuk Neusdoeken, dat zulx eene Notoire ommissie moet zijn, bij de afpakking, uijt het afpakbriefje, door de gecommitteer„ het berigt der overheeden „dens Leeman en Grebel geteekend, zelve te Colligeeren; alzoo het stuk Neusdoeken, daar bij niet bekend staat, en ten over vloede, zenden over. — Hoofdeel van, de kas N„o 51. , daar in het zelve moeste weeten, bij brutto gewigt, door hem wel uijtgeleevert is, welk laaste, den secunde van Este, bij een gedient Berigt van zijne bevinding, op dese, uijtgeleeverde & uwel Hoog Edelheedens ordre, van den 15. Aug=s 1764 , ten dien dage beslooten; dit stuk Neusdoeken, de Hoofdplaatse, bij factuur te rug met overzending van het te reekenen, onder overzending, van het origineele afpakbriefje, gelijk wij dat, de Eere hebben onder de bijlaagen deses, uw Hoog Edelheedens te presteeren. En hoe aanneemelijk de reedenen, van dezen gezaghebber, ons ook voorquamen, konden wij niet afzijn, in nakoming der Ordre, „hem, al Egter, het kostende, van deeze twee kelders brandewijn, volgens aanreekening bedraagende ƒ 48. 17. — ned=s geld /: mits het vroege met renvooij aan de hooge overlijden van zijn opperstuurman :/ alleen op reekening te belasten; onder aanneem, nogtans, van een reverent verthoon zijner gegeeve positien, aan uw Hoog Edelheeden, tot wiens beroemde Equiteijt, wij ook de vrijheijd genoomen hebben, hem ter ontheffinge te renvoij„ „eeren, alles in't breede te vinden, bij de resolutie van dien datum, als meede het versoek der onder de bijlaagen overgaande, gelijk wij ten deesen belange ons ook nog onderwinden, het ootmoedig versoek, der hier voren ge„ nog deese geschenken te =noemde regenten, voor wien deeze geschenken, geprojecteert, zijn geweest, met onse geringe voorspraakt te ondersteunen, om bij naast komende geleegentheijd, daar meede te werden gegratieerd. — Terwijl wij deezen laten versellen, Copia, van het, door de overheeden, des meerm: bodems, overgelegt berigt, waar bij blijkt, dat zij in hunne reise, dit heen niets anders ontdekt hebben, en de voldoening uwer Hoog Edelheedens Petitie, van slaaven, besluijten het kostende van dit Lading, quam te Confirmeeren. Waarom wij ook in Conformité als de .

NL-HaNA_1.04.02_3413_0039 view scan ↗

English

Land-boat, in place of the old worn-out one. And further report the granted entrance to a Portuguese ship, with the reasons of necessity in detail herewith. Those of Sonnebaai and Amacono offer the Company two harmful subjects, who have been accepted. And sent over. The Timorese regents harmonize well. Report of indigenous affairs. Our land-boat, brought here at the beginning of the year 1768, being entirely unfit and worn out through continuous employment as the only offloading vessel that we have here, and now only fit to be used for fetching lime, we therefore urge by Your High Excellencies' kindness to be provided with a new land-boat. And in conclusion of this article, we further notify Your High Excellencies that on the 26th of May last, after previously requested permission and demonstrated necessity, there arrived at this roadstead the three-masted Portuguese vessel named Sint Anthonie, commanded by Captain Manuel Vicentie Rosa de Baros, coming from the Portuguese post Dilly, situated on this island, and intending to go via Batavia to Macao, where she belongs; being laden with short-sawn sandalwood, wax, and also a remaining lot of coarse bowls and iron pans that had not been disposed of with the Portuguese; which captain, driven by the extreme necessity of bad undrinkable water that he had obtained at Dilly, and through the use of which, in those few days since he had departed from there, over half of his ship's crew and most of the officers had fallen ill, most earnestly requested to be allowed to exchange his unhealthy drinking water here for good water, and, for the recovery of his sick, several of whom were suffering from severe ailments—as several of them also came to die here—to be allowed to stay a few days at this place; in which, seeing the compelling reasons and that the given reasons were found to be genuine, we made no difficulty in condescending, subject to Your High Excellencies' venerated approval; as well as to permit him, for the convenience of the community here, the sale of his aforementioned remaining lot of coarse bowls and iron pans; this vessel having subsequently departed from here again on the 16th of June, setting course for Batavia, whither we wished him a safe voyage. Passing on to the article of indigenous affairs; in which respect we first have the pleasure to report to Your High Excellencies that everything on this island is in a desirable state of tranquility, the harmony among the Timorese regents being at present on a very good footing, towards the preservation of which everyone contributes his part, some of these rajas at present also maintaining better discipline in matters of government, ridding themselves of all restless and harmful subjects, just as the rulers of Sonnebaij and Amacono, being vigilant in that respect above others, have made a request to us to accept for the Company and send away from this island the Tommagong Naij Saka, who was declared a slave by the first on account of many wanton crimes, and also the Tommagong Anthonie Banxie, who was made a serf by the latter on account of a well-deserved punishment, both being non-Christians, whom we then also received as such at their insistence, and entered into our trade books, the one for 20 rixdollars and the other for 15 rixdollars, and who on this occasion are being sent over well secured. Motives. While

Dutch transcription

Landsboot, inde steede van „de oude afgevarene „En melden nog de verleende bntrance aan een portu„ =gees schip met de reeden van nood zakelijkheijd in 't breede hier nevens. die van sonnebaaijen Amacono offereeren de Comp twee schadelijke subjecten die geaccepteert zijn. „den overgezonden. de Timoreese regenten Harmonieren Wel verslag der Jnlandse zaken Onse in 't begin van A„o 1768. , aangebragte Landsbood, door Een Continueel Emploij, als het Eenigste Losvaartuijg, dat wij hier hebben, geheel onbequaam, en afgevaren zijnde, en alleen, nog pas te gebruijken, tot het afhalen van kalk, zoo Jnsteeren wij, van uw Hoog Edelheedens goedheijd, met Eene nieuwe Landsbood voorzien te mogen worden, En ten besluijte van dit articul, Notificeeren wij nog, uw Hoog Edelheeden, dat op den 26: meij J„o Leeden, na voor af versogte „permissie, en vertoonde, noodzakelijkheijd, ter deser rheede arri„ =veerde, den drie mastig portugees scheepjes, genoemt S=t Anthonie, „gevoert bij den Cap=tn Manuel Vicentie Rosa de Baros, komende van het portugiese Comptoir Dillij, ten deese Eijlande geleegen, ende wil hebbende over batavia na macouw, alwaar te huijs „hoort; zijnde gelaaden, met kort gezaagt zandelhout, wax, en nog een restant grove kommen en ijzere taatjes; daar bij de portugeezen, niet afgekomen was; welken gezagvoerder, door de uijtterste noodzake, van slegt ondrinkbaar water, dat hij op Dillij bekomen hadde, en door welkers gebruijk, in die korte dagen, dat van daar vertrokken was, over de helfte van zijn scheeps volk, en de meeste officieren, ziek gevallen waren, op het kragtigste versogt, zijn ongezont drinkwater hier te mogen ruijlen voor deugdzaam; & ter herstelling zijner zieken, Waar van verscheijde aan herige qualen laboreerden; gelijk daar ook Ettelijke van hier quamen te sterven; Eenige daagen ter des„ =zer plaatze te mogen vertoeven; Jn het welke wij ons de bondige versoeken, om een nieuwe als de kaart aanwijst, motiven, en dat de gegeeve reedenen, Egt: bevonden wierden, geene zwarigheijd hebben gemaakt, op uw Hoog Edelheeden gevenereerde goedkeuringe te Condescendeeren; als meede, om hem tot gerief der gemeente alhier, te permitteeren, den verkoop van zijne voor„ „waarts genoemde restant grose kommen, & ijzere taatjes, zijnde desen bodem vervolgens, den 16. Junij, weder van hier vertrokken, Cours neemende na Batavia, werwaarts wij hem, een behoude reise wenschende. overgaand tot het articul Der Inlandse zaken; ten welke op zigte, wij voor„ af, het genoegen hebben uw Hoog Edelheeden te berigten, dat alles ten dezen Eijlande, Jn een gewenschte rust is, zijnde de Harmonie, onder de Timoreese Regenten, thans op een zeer goede voet, tot wel„ =kers Concervatie een ijder het zijne Contribueert, houdende sommige dier Raadjes teegenwoordig ook beeter discipline, in het stuk„ van regeeringe, zig ontdoende van alle onrustige, &n schadelijke subjecten, gelijk de rijxbestierder van sonnebaij, en Amacono, in dat stuk boven andere vigileerende, ons versoek gedaan hebben, voor van tommagongs tot slaven. DE Comp: te accepteeren, & van dit Eijland te verzenden, de door den Eersten, over veele baldadige misdrijvens, tot slaaff verklaarden Tommagong, Naij saka; & door den laasten al meede weegens, eene 4 wel verdiende straffe, tot Lijfbijgene gemaakte Tommagong Anthonie Banxie, beide on Christenen, die wij op hunne Jnstan„ =tie, dan ook, als zodanig hebben ontfangen, & bij onse handelboek„ =jes, den eenen tegens rijxd=s 20. –. — en den anderen voor rijxd=s 15. —:— en bij deese occasie wor„ ingenomen, en dewelke bij dese occasie wel gesecureert worden overgezonden. — motiven 6 Terwijl

NL-HaNA_1.04.02_3413_0040 view scan ↗

English

for the granted pardon, to the Amaconers, and those of Amphoang Torbiang their thanks are expressed and their promises of loyalty complaint is only made about Coupang's regent Naij Mannas. not very Company-minded. which of the first is well trusted. Lamahale and Tronk express thanks and their good promises. Savu is at peace as is now also on Solor to send, if he does not improve. While we, on behalf of the resubmitted Amaconers, as well as the King and Regent of Amphoang Sorbiang, must dutifully communicate to Your High Nobilities their humble thanks for the pardon graciously granted to them, and their professions of a constant adherence to the interests of the Honorable Company; these pardoned persons, alongside the other regents, have duly come down this year and brought their gifts, as has also Tobanie, nephew of the present King of Amandebang, to whom Your High Nobilities in the past year favorably deferred the government over his lands and subjects, having now again as in the past year, owing to his persistent illness, sent his brother, currently keeping himself quiet and peaceful. But the only one of all the Timorese grandees about whom we might complain, and who poorly responds to our good expectations which we had conceived of him since the death of his father, is the King of Coopang, Naij Mannas, who continues to live in equally great licentiousness and indifference without care for his lands or peoples, constantly keeping himself in hiding on the neighboring island of Semauw; in the very same manner as was mentioned of him in our respectful letters of 20 September 1771, without him caring either for admonitions or for threats, which on the contrary one would say make him even more hardened and obstinate, since he recently dared to let it be known through his second-in-command, upon the friendly invitation made to him twice by the Chief as having to speak with him of necessity /:without adding thereto why, or that this was with the intention to urge him to the payment of 100 rixdollars, which he has owed for more than a year to the lessee of the topbaan:/ that he does not want to come to Coepang; thus he renders fruitless all attempts that one would wish to employ to bring him onto a better path, and if he persists in his stubbornness, will compel us to send him toward Batavia in the coming year, according to the qualification of Your High Nobilities by letter of the last of December 1771, so that his disobedient conduct may not set a harmful example to other princes. Everything being at peace on the island of Savu, as is also presently on Solor, we have from the last-mentioned island first to convey to Your High Nobilities on behalf of the sengaji of Lamahale his due thanks, not only for the favor shown in his confirmation, but also, alongside that of Tronk, for the pardon mercifully granted to them, they promising to live up to the good trust, of which we, on behalf of the sengaji of Lamahale, also have no doubt, as he shows his good will in every respect, which he cannot confirm with deeds as much as he would wish, and complains greatly about the disobedience of his subordinates, who do not want to listen to him at all and seem little Company-minded; even to such an extent that he, the sengaji, has not been able to obtain the necessary men to bring him hither with his vessel to collect the gifts. Thus it were to be wished that our power were great enough to [illegible] these stubborn ones for their disobedience.

Dutch transcription

voor 't verleende pardon, aan de amaconers, en die van Amphoang Torbiang word hare dank betuijgd & hare beloften van trouwer alleen werd gedoleert over Coupangs-regent Naij mannas. niet zeer Comp:s gezint. dat van den Eersten wel vertrouwt werd. „hale & tronk zeggen dank en hare goede beloften. savo is in rust gelijk thans ook op Solor te zenden, als zig niet beetert. Terwijl wij van weegen, de zig weeder onderworpene Amaconcs„ mitsg=s den koning en Rijxbestierder van Amphoang sorbiang, uw Hoog Edelheeden, haare ootmoedigen dank, voor het aan hun gratieuselijk verleende Pardon, en Hare betuijgingen, van eene Constante aankleering, aande belangen der E Comp=e pligtelijk moeten Communiceeren; zijnde deese gegratieerden, „nevens de andere regenten, dezers Jare behoorlijk afgekomen, en hebben „hare geschenken gebragt, gelijk meede Tobanie Neef van den tegenswoordigen, amandebangs koning, aan wien uw Hoog Edel„ =heedens, in ao pass=o gunstiglijk gedifereert hebben, het bestier over zijn Landen onderzaten, nu weder als in A=o vergangen, mits zijn aanhoudende ziekte, zijn broeder afgezonden heeft, houdende zig thans stil, en vreedig. Maar de Eenigste van al de timoreeses grooten, waar over wij ons zouden mogen beklagen, & die aan onse goede verwagtinge, welke wij 't zedert, de dood van zijn vader van hem opgevat hadden, weijnig beandwoord, is Coopang d' koning, Naij Mannas, den Wel„ =ken in Even groote, ongebondenheid, & onverschilligheijd, zonder bekreuw zijner Landen, of volkeren voortleefd, zig gestadig op het naast geleegen Eiband semauw schuijl houdende; Even en in dier voegen, als van hem, bij onse reverente Letteren, van den 20. 7ber 1771. gem: staat, zonder dat hij zig, nog aan vermaningen, nog aan dreijgementen tee be„ =kreunt, die men ter Contrarie zoude zeggen, dat hem nog verharder„ d& obstinaten maken, dewijle hij onlangs door zijnen tweede, op de Waar in die klagten bestaan vriendelijke nodiging, die hem door het opperhoofd, tot tweemalen „gedaan was, als hem noodzakelijk moetende spreeken /:zonder daar bij te voegen waarom, of dat zulx was met Jnzigt, om hem tot de betalinge van 100: rijxd=s aante porren, die hij aan den pagter, „der topbaan, meer dan eens Jaar lang schuldig is:/ heeft durven laten weeten, van niet op Coepang te willen komen; Dus hij alle pogin„ „gen, die men zoude willen aanwenden, om hem op een beter weg te brengen, vrugteloos maakt, & wanneer hij in zijne hardnek„ voorneemen om hem op akigheijd volhard, ons zal noodzaken, hem in 't aanstaande Jaar, volgens quadificatie uwer Hoog Edelheedens, bij brief van ult=o xber: 1771. Batavia waarts te zenden, op dat zijn ongehoorzaam gedrag, geen schadelijk voorbeeld, aan andere vorsten komen te stigten. Op het Eiland Savo, alles in vreede weesende, gelijk ook thans op soloo, hebben wij van het laast gem: Eiland uW„ de singhadjes van Lama Hoog Edelheedens voor af van weegen het singhadje van voor het erlangde pardon Lamahale, zijne verschuldigde dank te suppediteeren, niet alleen voor de beweese gunste, in zijne bevestiging, maar ook nevens, die van Tronk, voor het, aan hun genadig verleende pardon, be„ „loovende zij, aan het goede vertrouwen te zullen beandwoorden, waar aan wij, van weegen het singhadje van Lamahale, ook geen twijffel slaan, als allezints zijnen goedens wille toonen„ =de, die hij niet zoo zeer, als wel wenschte, met daden kan beves„ maar de zijne schijnen etigen, & zeer klaagt; weegens de ongehoorzaamheijd, zijner onderhoorige, die in't geheel niet na hem willen Luijsteren, en wijnig Comp=s gezint schijnen; zelfs in zoo verre; dat hij finghadje de nodige manschappen niet heeft kunnen krijgen, om hem, met zijn vaartuijg herw=s te brengen, ter afhaal der geschinken. Dus Wenschen hare ongehoor„ te wensche waare, dat onse magt groot genoeg was, dese daar =zaamheijd halsterrige 1 8

NL-HaNA_1.04.02_3413_0041 view scan ↗

English

While we must further inform Your Right Honourables regarding this island that at the beginning of this year we were informed by the interpreter Protsz that some inhabitants of Lamahala, together with those of Adonara, had formed a conspiracy to disturb our Company's fort, wherefore the interpreter, not considering himself safe, requested assistance and at the same time his discharge, fearing disasters, because they regarded him there as the primary cause of the destruction of Manange; from which letter and other accompanying matters we nevertheless did not find the pressing necessity to dispatch an expedition thither, but rightly understood that these single restless minds were aimed more at the interpreter than at the Company's fort; and thus deemed it most advisable, in order to prevent difficult consequences and costs, to grant the interpreter Protsz his requested discharge, in the confidence—as was also afterwards confirmed by the outcome—that everything would then return to quiet again; and in his place, in our meeting held on the 27th of January last past, the resolution of which is appended hereto, we appointed the local mestizo burgher Johannes Frederik Meijer as being proficient in the language, with the addition of the rank of assistant, under the corresponding schoolmaster's wage, all in accordance with Your Right Honourables' order of the 31st of December 1770. Regarding the island of Sumba, we can inform Your Right Honourables that the regent of Massu, Radja Lakkar, outwardly appearing to continue in a good disposition, recently arrived here to collect his gifts; while from the settlement of Melolo, about whom this regent has often complained, as may be seen in detail in the reports made regarding this dated the 20th of September 1771, an envoy is expected here shortly, who according to reports from the island of Savu has already arrived there and is detained by contrary winds from coming hither in order to account for why they, along with the other settlements, have not appeared here for some years, the outcome of which we shall leave to time. And having postponed until the very last, for reasons known to us regarding the unpleasantness of this subject, with which year after year to the point of weariness Your Right Honourables' precious attention is troubled, we are nevertheless necessitated by newly arisen disturbances to proceed to the contentious and ever inwardly divided settlements of the island of Roti, where the settlement of Thie again provides an example, hastening toward its downfall; and its own inhabitants, yea the illegitimate son himself of the ruling Radja, desire to be the cause of its complete ruin and their own destruction. Indeed, this is nothing new. Through the lust for war, robbery, and murder of this nation, so very well known from earlier and later papers, they have from antiquity to this day mutually ruined one another. And whereas this settlement formerly might have been called lord and master of virtually the entire island of Roti, its stubborn, disobedient subjects are now being brought to reason through a sensible correction, in expectation of a settlement to bring an end to the difficulties and establish proper limits.

Dutch transcription

nen Straffen. Eilande met den Tolk Protz dit Jaar voor eenige Lamahaalders en om zijn ontslag versogt. Consideratien over dit schrijven. zijn verzoek, waar door alle den miextiesburger I: F: van sumba is radja Lakkar ter afhaal zijner geschenken gekomen. „deelde negorij onlusten ten Eijlande die verandwoording zal doen, waarom dus lange niet verscheenen zijn. ling van de negorij malblle te brengen. 'T voorgevallene ten deesen Terwijl wij ten opzigte van dit Eijland, uw Hoog Edelheeden, nog moeten Erkundigen, dat in 't begin van dit Jaar, door den 4 Tolk Protsz geinformeerd wierden, dat eenige Lamahaalders, met die, van Adenara, Eene zamenspanninge hadden gemaakt, die zig niet zeker waand, ons Comps fort, te ontrusten, waarom den Tolk assistentie verzogt, & teffens zijn ontslag, vreesende voor onheijlen, dewijle te hem aldaar, als de Eerste oorzaak, van Mananges vernietiging aanzagen, uijt welk schrijvens, & andere bijkomende zaken, wij Egter de pressante noodzakelijkheid niet vonden, Eene Expeditie derwaarts te depecheeren, maar begreepen, ten regten, Rottij. dat deese Enkelde onrustige gemoederen, het meerder op den Tolk, als op Comps dort gemunt hadden; en oordeelden dus het raadsaamste, ter voorkoming van moeijelijks gevolgen, & Bos„ en het accordeeren, van „ten, den Tolk Protst zijn verzogt ontslag te accordeeren, moeijelijkheedens bindigen. in dat vertrouwen, gelijk ook naderhand; door de uijtkomste bewaarheijd wierd, dat dan alles wel weder in rust koment zoude, stellen in zijn plaats, en in zijn plaatse, benoemden wij, in onse gehoude vergadering, meijer als de taalmagtig op den 27=te Jann: Laast leeden /:welkers resolutie deezen bij gevoegd is :/ den mixties burger alhier, Joh: Cerd=k meijer, als de taal magtig zijnde, met toevoeging van adsistente qualiteijt, Aanmerkingen over des„ onder de daar toe staan, dog schoolmeesters gagie, alles overEenkomstig, uw Hoog Edelhes, ze van Jaaren herw=s ver„ =dens ordre, van den 31. xber: 1770. van het Eiland Sumba, kunnen wij, uw hoog Edel„ heeden bedeelen, dat mansiles Regent Radja Lackar, in Eene goede gezintheijd uijtterlijk schijnende, te Continueeren, men van de negorij Mallolo (:over wien, dezen regent dikwils „geklaagd heeft, in 't breede te beoogen, bij de berigten, derweegens gedaan in dato 20. 7ber: 1771. Eerstdaags Eenen zendeling hier verwagt, die reeds volgens berigten van het Eiland Savo, al„ =daar gearriveert, &n door Contrarie winden opgehouden is, her„ =waarts te komen, ten Einds verandwoordinge te doen, waaroms deze neevens de overige negorijen, in Eenige Jaaren, hier niet verscheenen zijn, welkers uijtslag, wij aan de tijd zullen komen tot Een verhaalde gedefereert laten; & als tot op het laatst uijtgesteld hebbende, om reeden ons bewust is, de onaangenaamheijd dezer stoffe, daar men Jaar op Jaar, tot verveelens toe, uw Hoog Edelheeden dierbare attentie meede vermoeijlijkt: Egter genecessiteert, door de Novo geresene onlusten, overgaan tot de twist zieke, & altijd, in zig zelfs verdeelde negorijen van het Eijland Rottij, alwaar de negorij Termano, weder een staaltje opleevert; zig haastende tot den val;: En dies Eijgen bewoonders, Ja de onEgten zoon zelve, van den regeerenden Radja, de veroorzakers willen weesen van dies geheels onder„ „gang & haar Eijgen zelfs ruine. Trouwens, dit is niets Nieuws Door de oorlogs-roof & moord=zugt dezer Natie, zoo zeer bij de vroegere & Latere papieren bekend, hebben zij zig van ouds, tot heeden, onderlinge geruineert: En daar deeze negorij, voor„ „tijds, Heer & meester mogt genoemt worden, van genoegzaam het geheele Eijland Rottij, zoo zijn haar thans, daar van, ongehoorzaamheijd te kunsin halsterrige ongehoorzame, door eene gevoelige Corectie, tot reeden en verwagten eenen zende„ ter afhaal zijner geschenken, onlangs hier g'urriveert is, terwijl ter niet 1 „de bepalingen. 10

NL-HaNA_1.04.02_3413_0042 view scan ↗

English

Whose decline is demonstrated as clear as day. The first reports from there regarding these disturbances. Fruitless attempts at reconciliation made by the commissioners. And thereto Ensign Bauer & Clerk Tekenborgh were commissioned from the council to settle these disputes. Meanwhile, reports were received with more details on the matters, that Moesekane, illegitimate son of the Raja, is the cause of this discord. that they not only stripped away all signs of distinction, but even to this very day they are so weakened that one may say without exaggeration: 2 Termano cannot field 100 able-bodied men of one mind who care for the well-being of that negorij, as the cabals and factions sweep away and divide its inhabitants, who at the most generous estimate do not even number 1000 men, in this flood of confusion and strife. With good reason we were able to state in our respectful reply of 12 September Anno 1772 that the negorij of Termano is governed more by a faction of rebels than by the old and half-doting Raja. These statements could not be anything less than verified, and they immediately were, by what has transpired. The First Signatory received on 29 March from this sub-ruler an emissary and a letter written on his behalf by the interpreter, wherein he gave notice that four principal rebels had resolved to deprive him, the Raja, as well as his successor to the throne and son, of their lives, and to that end they had managed to lure several ill-intentioned subjects to their side, with whose assistance they had already attempted to carry out their evil intent, but having been prevented herein by the vigilance of the Termanese, they had taken their retreat to Kekka and Tallaij, with the intention of gathering a greater force there in order to resume their intended murder once again with a greater chance of success; for which reasons Raja Taxra requested that one or two members from the council might come to Rottij in order to demand the four aforementioned ringleaders from the chiefs of Kekka and Tallaij in the Company's name; he being of the opinion that when such a demand was made on the Company's behalf, everyone would then be seized with such terror that no one would have enough courage to assist the aforementioned villains. Which reasonable and pressing request could not suitably be refused by us, so we resolved, in our meeting held on that day, to commission the military Ensign Johan Andreas Bauer and Clerk Jan David Tekenborgh for the settlement of these disputes, provided with an instruction drafted for that purpose, to proceed to the island of Rottij, who, arriving there, found matters in a more precarious and confused state than had been imagined here, and having made fruitless attempts to reconcile the departed malcontents with the negorij once again, were reinforced by us with the necessary native warriors, in order to bring the work to a desired end with better authority and vigor, but in the meantime we were informed of several matters tending greatly to the charge and burden of one Moesekane, illegitimate son of Raja Forza, and at the same time we were informed by the commissioners of the fierce complaints that had been made to them by the departed malcontents with respect to this rascal, which amounted to this: That

Dutch transcription

Welkers verval sonne„ =klaar gedemonstreert word. de Eerste tijdingen van daar over deese onlusten. vrugteloose pogingen ter versoe„ met meerder klein de zaken intussen bekomen tijding, dat moesekane onEgten deser tweespalt is. werd, door de Commissi„ „anten. & daar toe den vaandrig bauer & scriba Tekenborgh gecom„ =mitteerd worde. „den, uijt den raad ter besleg„ „ting deezer geschillen. niet alleen, alle kenmerken benoomen, maar zelfs zijn zij „ten huijdiegen dage zodanig verswakt, dat men zonder verkleij =ning zeggen mag; 2 Termano, kan aan eens gezinde weerbare mannen, die het wel zijn dier negorij behartigen, geen 100. koppen stellen, alzoo de Cabalen & parthij=schappen, dies Jnwoonders, welke op het ruijm„ =ste genoomen nog geen 1000. man uijtmaken, in deeze vloet van verwarringe & twist weg sleepen & verdeelen; Met regt mogten wij bij onse Eerbiedige rescriptie van den 12. 27ber: A„o 1772. zeggen, Dat de negorij Termano meerder, door een parthij oproermakers, dan door het oude, & half Tuffende Radja geregeert word. Deezes gezegdens, konders niet minder, als bewaarheijd werden, & zijn het ook dadelijk, in 't geene gebeurt is. — Den Eersten Teekenaar, bequaam in dato 29. maart, van dezen onder regent, Eener zendeling, en Een brief, zijnent wee„ =gen, door den Tolk geschreeven, daar bij hij kennis gaf, dat vier voorname oproermakers voorgenoomen hadden, hem Radja, benevens zijnen troons opvolger & zoor, van het Leeven te beroo„ „ven, & ten dien Eijnde, verscheijde qualijk geJntentionneerde onder, ten eijnde te brengen. „danen, op hunne zijde weeten te lokken, met welkers behulp, zij reets getragt hadden, hun boos opzet, teruijt voer te brengen, dog door de Waakzaamheijd der Termaners, hier in belet geworden zijnde, hunne retraite naar kekka & sallaij genomen hadden, dat bij brieven, bevestig„ met Jntentie, aldaar een grooter magt te versamelen, om met meerder koop van succes, andermaal hun voorgenomen het radjes versoek om 2. lee„ moord te stervatten; om welke reedenen, radja Taxra, verzogt, dat Een â twee Leeden uijt den raad, op Rottij mogte komen, om uijt sComps naam, de vier voorn: belhamels, van de hoofden van Kekka & Tallaij op te bisschen; zijnde hij van gevoelen, Wanneer zodanigen op Eijsschink sComps weegens geschiede, dat als dan, een Eigelijk, met zodanige schrik zoude bevangen worden, dat niemand moeds genoeg zoude hebben, meerm: 't welk als billijk g'accordeert, booswigten te adsisteeren. Welk billijk, & nadrukkelijk ver„ =soek door ons niet voeglijk kunnende geweijgert worden, be„ =slooten wij, in onse ten dien dage gehoude bij eenkomste, den vaandrig militair, Johan Andreas Bauer, & scriba; Jan David Tekenborgh, te Committeeren, tot het afdoen dezer geschillen, voorzien, van Een, ten dien Eijnde ontwor„ hoe zij de zaken daar =pene Jnstructie, zig na het ijland Rottij te begeeven, de„ =welke daar komende, de zaken, in een hachebijker, & ver„ =warders toestant vonden, als men zig hier verbeelt hadde, en „ning door hun aangewend. Vrugteloose pogingen gedaan hebbende, om de uijtgeweekene misnoegden, met de negorij, weeder te versoenen, door ons, zenden Inlandse krijgers, om met de nodige Jnlandse krijgers geassisteert wierden, ons het werk niet beter klem, en nadruk, tot een gewenscht Einde te brengen, maar intusschen wierden wij gejnformeert van zoon van het radja, oorzaak verscheijde zaken, strekkende, zeer ten laste, & beswaare, van Eenen Moesekane, onEgter zoon van radja Forza „en door de Commissianten, wierden wij op de zelfde tijd onder„ =rigt, van de herige klagten, die hun door de uijtgeweekene malcontenten, ten opzigte, van deeze snaak gedaan waaro die hier op uijtquamen moord. Dat vonden. 12

NL-HaNA_1.04.02_3413_0043 view scan ↗

English

These complaints are described. Continuation thereof. To have him apprehended. Restored, through his apprehension, together with four of his companions. The grievances of the old regent were found to have originated from his quill. The advantages obtained from such a course of action, reported by the Commissioners, that the necessity was demonstrated why they had to act in such a manner. Restored. That this person was the causa movens of all dispute and discord, who, through an abused goodness, or rather weakness, of the old regent, had violently usurped the government, and shortly thereafter exercising a tyrannical authority by oppressing the defenseless, and strengthened by his faction of self-serving rogues, indeed collectively a band of murderers, exercising all tyranny, to such an extent that the old regent feared them and did not dare to resist their extreme mistreatments. And that the exiled party, whose leaders consisted of the closest blood relatives, indeed even a biological brother of Radja Torra (although there were also sufficient well-known scoundrels among them who have long been branded), had retired solely to escape his acts of violence. Upon which numerous complaints, which were mostly corroborated by testimonies, it was judged most advisable to have this harmful subject removed from the island of Rottij, for which the necessary orders were also dispatched, and the Commissioners had the good fortune, through good management, to apprehend him, Moesekane, together with four of his principal followers without much commotion, and to send them hither into custody. While upon investigation it was found that the Radja's complaints about the exiled party had mostly come through the channel of this Moesekane and his representations, although some also wish to say, though the proof is full of doubt and not satisfactory, that among this band some had forged the plan to murder the old regent; but even if this allegation were well-founded, there would be little possibility to capture those rogues, who are already conspicuous due to other previous crimes and are always on their guard. This much is certain, that by this apprehension of Moesekane, the principal objective has been achieved, namely to restore peace and quiet, to such an extent then (since this contentious people cannot be trusted upon their promises or lasting harmony) that a public reconciliation of the malcontents with Radja Fetra and the village Termano (although possibly only for the eye, and not very sincere) has taken place; which in any case was also the safest route one could take to make the unrest cease: for the disgruntled party, being indeed the largest and growing daily more and more, being simultaneously supported by other villages, had moreover to its greatest advantage a secure and unassailable stronghold, which could not have been overpowered except with a great force and after a lengthy siege, as all this is evidently demonstrated and described in the report of the aforementioned Commissioners, annexed hereto among the enclosures, to which we take the liberty (as this passage would otherwise become even more voluminous) to refer your Right Honourables. By the outcome of this our course of action, we have simultaneously had the pleasure not only of indemnifying the Company for its incurred expenses to the amount of ƒ 406. 16. —, but also of letting it profit further, as the account of expedition expenses has thereby gained a sum of ƒ 385. 4. —, being the orphan burger mentioned in our previous respectful letters.

Dutch transcription

deese klagten worden beschreeven. vervolg daar van hem te laten opligten. gesteld, door zijne opvatting „vens nog vier zijner makkers. de beswaarnissen van den ouden regent, werd bevon„ „den uijt zijn koker te komen. de voordeelen uijt zodanige handelwijze verkreegen, Commissianten, dat over„ de daar bij vermeld. Waarom zodanig moesten ageeren. hersteld. — Dat deezen was de Causa movens, van alle twist, en twee dragt, die door een misbruijkte goedheijd, of liever swakheijd, van den ouden regent, de Regeeringe op Eene geweldadige wijze, aan zig getrokken hadde, & de ruste kort daar op „hadde, offenende een Tiranies gezag, met den weerloozen te onderdruk 1 =ken, & gestijft met zijnen aanhang, dat meede Eigen belang beharti„ =gende schurken, Ja gezamentlijk eenen hoop moordenaars waaren, alle dwingelandij oeffenende, Jn zoo verre zelfs, dat den ouder wederstreeven;: En dat de uijtgeweekene parthij, welkers hoofden, uijt de naaste bloed verwanten, Ja zelfs een Eigen broeder, van Radja Torra bestonden, /: schoon er, ook genoegzaam, bekende schelmen onder waren, die al voor lange gebrandmerkt staan:/ Werd raadsaam g'oordeelt, zig alleen, om zijne geweldenarijen te ontgaan geretireert hadden: Op welke meenigvuldige klagten, die meestendeels door getuij„ „genissens bewaarheijd wierden, men raadzaamst oordeelde, dit Waar toe ordre gegeeven word. schadelijk subject van het Eijland Rottij te doen delogeeren, gelijk daar Citeeren het rapport der en gelukkig te Executie toe, ook de nodige ordres gedepecheert wierden, & de Commissianten, gezonden word als in't bree„ en herwaards zinding, ne„ hadden door een goed beleijd het geluk, dat zij zonder veel opschudding„ hem moesekane, met nog vier van zijnen voornaamsten aanhang opligten, en herwaarts in verzeekering zonden. Terwijl bij onderzoek bevonden wierd, dat het Radjes klagten, over ƒ de uijtgeweekene parthij, meest uijt het Canaal van deesen moesekane, & verthoon daar van. gekomen waren, hoewel men ook wel zeggen wil, schoon het bewijs vol twijffel, & niet voldoenend is, dat onder deezen hoop, Eenige het voorneemen zouden gesmeet hebben, den ouder regent te vermoorden; maar al was dit voorgeeven ook al gegrond, zoo zoude weijnig kan regent, hun vreesde, ende verregaande, mishandelingen niet durfde, noodzakelijkheijd aangetoont Negorij Termano /:schoon mogelijk maar voor 't Oog, & niet zeer Weeten, die snaken, welke weegens andere voorgaande misdrijven, Wat goede gevolgen zijne opvatting reets in 't ooglopen, & altijd op haar hoede zijn, te bemagtigen: Dit is er zeker van, dat men, door deeze opvattinge van Moesekane het voorname oogmerk bereijkt heeft, om de rust, en vreede, te herstellen, in zoo verre dan /: dewijle op dit twist zieke volk hare beloften, of bestendige Harmonie niet te vertrouwen is :/ dat Eene opentlijke verzoeninge der misnoegden, met Radja Fetra, en de gemeent :/ heeft plaats gehad; dat in allen gevalle, ook wel des veij„ =ligste weg geweest is, die men komde Jnslaan, om de onlusten te doen Cesseeren: want de misnoegde parthij, wel de grootste zijnde, & dagelijks meer, en meer, aan groeijende, wordende tef„ =fens ondersteunt, door andere negorijen, had nog wel tot haar „grootste voordeel, Een verzeekerde, & ongenaakbaare nestel„ =plaatze, die niet als met een groote magt, & na een langduurig beleg, zoude te overweldigen geweest n gelijk dit alles Evidentelijk word aangetoond, & beschreeven, in 't rapport der voorm: Commissi„ =anten, deezen onder de bijlagen annex, & werwaarts wij de vrijheijd „neemen /: dewijl deze periode anders nog volumneuser worden zoude :/ uw hoog Edelheedens te renvoijeeren. — Bij de uijtkomste dezer onse handelwijze, hebben wij teffens het genoegen gehad, DE Comp: niet alleen schadeloos te stellen weegens haare gedane kosten ten Emporte van ƒ 406. 16. — maar deselve ook nog te doen proffiteeren, Alzoo de reek: van Expeditie ongelden daar door te vooren geraakt is, Een sommetje van ƒ385. 4. — zijnde de bij onse voorige Eerbiedige Letteren vermelde En per de weezen burger 14 E

NL-HaNA_1.04.02_3413_0044 view scan ↗

English

The twenty enslaved persons sent via the burgher bark De Blimphia, as compensation for expenses and as a fine paid by the village of Termano, having an estimated value of 1188 guilders, did not, however, as we would have wished, remain entirely for our benefit in a way that met hopes and expectations. After they had already come in, 200 rixdollars had to be paid out for the compensation of a certain two-masted native vessel belonging to the local Chinese inhabitant Ouw Lakboang. Due to our well-known lack of vessels, this had been borrowed, along with others, for the transport of the native warriors used in this expedition, and on the return voyage here, before the strait of Pulau Semau, it was shipwrecked, whereby 43 Amabi people were also drowned. Because of this, the Company lost 200 rixdollars of its profits, and every effort was made to ensure that the remaining cost of this vessel, amounting to 300 rixdollars, since the total was agreed upon with the owner at the most civil rate possible of 500 rixdollars, would be paid by the aforementioned village. All this was done after mature deliberation and driven by the urgent necessity described concerning the said misfortune, as well as to avoid deterring owners in the future from lending their vessels in the service of the Honorable Company, all of which can be read at large in our forward-mentioned resolution of the 1st of August last. We have subsequently, in our proceedings held here against this Moesekane and his followers, in respect of whom various unlawful acts were proven by credible witnesses, found Musekane in the first place guilty enough to condemn him to be sent up, in the company of three of his mates, Lona Sina, Tala Kreukoeij, and Detang Mooij. As harmful subjects, they are sent over in secure custody on this occasion, with a humble prayer to Your Right Excellencies to relegate all three of them elsewhere for the duration of their lives, so that they may never again land upon this coast, or otherwise suffer the same punishment. However, taking into consideration regarding him, as described in the emphatic representations herewith, that the old Raja Forra was so deeply affected for this unnatural son of his—a father's heart naturally bowing—that he did not cease praying us for a mitigation of his punishment, using as compelling reasons: That although he could not deny that this son of his was guilty of certain offenses, that for his sake he might not be punished to the utmost rigor; That his offense originated more through the conduct of other scoundrels, whom he always had as bad counselors, than out of his own wicked nature; And lastly, that Fotha himself testified that this son of his had protected his life during the recent unrest against some of his rebelling subjects.

Dutch transcription

16 de hope, en verwagtinge b' andwoord heeft. door het verongelukken van Een Jnlands twee mast„ vaartuijg dat in de Expeditie heeft moeten worden. van zijn voordeelen heeft moeten missen. En de Negory Termano 300. rd:s moet betalen. de dringende noodzake„ „lijkheijd daar van beschree„ ven. daar van overgaande resol:= de gehoudene procedures met desen moesekane die schuldig genoeg bevonden de nadrukkelijke vertoogen hier nevens beschreeven. ouden regents, om gratie Ten Wiens opzigt, Egter in overweeging komt. en nooijt weeder in deese Contrgijen mogen komen de„ zelfde straffte ondergaan. om nevens drie zijner merk„ „kers, die in verzeekering overgezonden worden. burger Barcq D' blimphia, overgezondene 20. stuk slaaven, ter vergoeding van kosten, & als eens boete, door de Negorij Termano dat Egter niet alle zints aan betaalt welkers geschatte waarde ten bedraagen van ƒ1188. —:— Egter niet zoo als wij wel gaarne gewenscht hadden, in zijn geheel, „ten voordeele heeft mogen blijven, alzoo na dat deselve reets ingeko„ „men waren 200: rijxd=s hebben moeten uijtgekeert worden, ter be„ taling van zeeker twee=mast Jnlands vaartuijg, toebehorende, den „geleent is, geweest, 't betaalt Chineesen Jnwoonder alhier Ouw Lakboang, het welk nevens meer andere /:door 't bekende gemis derzelve bij ons:/ tot transport der in Waar door de Comp: 200 rd:s deese Expeditie gebruijkt zijnde, Jnlandse krijgers, geleendt is geweest, en op de terug reise na herwaarts, voor het straat van poloe semauw, komen te verongelukken, zijnde daar meede, ook nog 43 Amabiers verdronken. En het meerder kostende, van dit vaartuijg ten Emporte van 300. rijxd=s (: alzoo in het geheel voor 500. rijxd=s ten Civielste moge„ „lijk, met den Eigenaar geaccordeert is:/ heeft men alle devoiren aangewent, dat door de negorij voorm: betaalt werde, alles na rijp overleg, & gedrongen, door de presente noodzakelijkheijd, van het g'Exteerde ongeluk, mitsg=s om de Eigenaars in den aanstaan„ „de, niet afte schrikken Hunne vaartuijgen ten dienste der E: En nog omstandiger bij de Comp: te leenen, alles in 't breede te leten, bij onse voorwaards gemelde resol: van den 1=te Aug:s J=o Leeden. Wij hebben vervolgens, in onse gehoudene procedures alhier, over dezen Moesekane, & zijnen aanhang; ten welkers opzigte ver„ scheijde feijtelijkheeden, door aanneemelijks getuijgens beweesen wierden, Musekane in de Eerste plaatze ten overvloede schuldig Dat zijn vergrijp, meer door andere Booswigten, haar bedrijf, die hij altijd tot quade raadslieder gehad heeft, oorspronkelijk was, als uijt Eigen boosenaard. En Laastelijk, dat hij Fotha Zelve betuijde, dat deezen zijnen zoon, hem in de Iongste onlusten het Leven beschermt hadde, teegens Eenige zijner rebelleerende onderdanen,:/ bevonden; om hem tot de opzendinge te Condemneeren, in getelschap van drie zijner makkers Lona Sina, Tala kreukoeij, & Detang mooij, die als schadelijks subjecten, bij deeze geleegentheijd in goede verzeekering overgezonden worden, met ootmoedige beede, aan uw Hoog Edelheedens, hun alle drie tijd Hares Leevens, Elders te willen relegeeren, op dat zij nooijt weeder, in deezen bord mogen aanlanden. Maar Jn aanmerking genoomen zijnde, dat den ouden Radja Forra, zoo zeer, voor dezen, zijnen onna„ =tuurlijken zoon, geimporteert was, /: Een vaders hart het aanhoudend verzoek des natuurlijk bigen:/ dat hij niet afliet, ons Eene ver„ „zagtinge zijner straffe aftebidden, tot drang-reeden 1 gebruijkende. Dat hoewel hij niet ontkennen konde, deeze zyner zoon, aan zommige misdader schuldig was, dat men om zijnnent wills, hem niet ten rigoureusten mogte straffs. bevonden Atte s word s voor rigeuz word.

next →