Inventory 3436
Malabar · 246 pages · 92 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
123 Anno 175 Anno 1775 remain lying fallow, the Honorable Company might suffer damage, which is why we sent people to sow them, and as soon as they made a beginning therewith, the resident of Cranganoor had the land seized, whereby the sown rice has been ruined; therefore we request Your Right Honourable to send orders that we ourselves may have those sowing fields sown; since Your Right Honourable has written to us that we should not go to the Resident of Paponettij with any affairs. Therefore we also do not go to him, but since there is no person here to whom we can present our grievances, it is very difficult for us; the resident of Cranganoor attends to the affairs of the King of Cranganoor, and we desire no other for our affairs and are completely satisfied if Your Right Honourable would please give orders thereto to the said Resident. Calianbettil Panikere is a subject of ours and of the King of Cranganoor; he owed some money to us, and upon demanding payment thereof, he said that, being also indebted to others, The 30th of June In the Town of Cochin he had given lands as security, requesting that we would pay those debts and take those lands into our power, as we have done; these lands have also been seized by order of the Honorable Company; therefore we request Your Right Honourable to send orders to revoke that seizure and to allow us to manage them; may Your Right Honourable please take all these matters to heart, have the seizures of the aforementioned sowing fields revoked, and keep us under the protection of the Honorable Company. Signed by the prince Cartamana. Below stood: for the translation, Cochin, date as above. Was signed: van Jongeren, Sworn Translator. The 30th of June In the Town of Cochin Monday, the 3rd of July, the First Interpreter van Jongeren, by order of His Right Honourable, wrote an ola to the prince Cartamana concerning the matter of Arakel Naijro, as appears here below: Draft: 125 The 3rd of July In the town of Cochin The 3rd of July In the town of Cochin The 10th ditto Draft ola by order of the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla, written to the prince Cartamana on the 3rd of July Anno 1773. Your Highness's fickle conduct, with which Your Highness has always unsettled the conquest of Paponettij, is fully known to my illustrious commander, the Right Honourable Lord Governor; therefore His Right Honourable has ordered me to write once again and to remind you that everything Your Highness wrote in his last ola does not agree with the truth, since the matter of Arakel Naijro, having been investigated here in this town by the appointed reputable men, was found to be that the usufruct of the gardens was transferred in writing by Arakel to the Chego Macoda with the prior knowledge of the King of Cranganoor and Aijvoor; therefore His Right Honourable finds it very absurd that Your Highness interferes in a matter in which Your Highness has no right, and in that same manner it stands with the lands of Calienwittil Panikere, which His Right Honourable has seen fit to have administered by a third party until Monday; the First Interpreter van Jongeren received an ola from the Prince Cartamana in answer to his previous one that had been sent, reading as follows: Translation of an ola written by the Prince of Cartamana to the First Interpreter aforesaid, Anno 1775; the said Panikere shall appear and that matter be finally settled. Furthermore, a complaint against Your Highness has arrived here from a Moor named Coenjemedie, who took a garden belonging to Catolij Padiaer, situated in the conquest, improved it, and built a house upon it; which garden Your Highness has seen fit to have destroyed and the house demolished; besides and apart from these insolences, more complaints arrive daily regarding the vexations that Your Highness inflicts upon the inhabitants of the conquest; therefore His Right Honourable has ordered me to write to Your Highness that if Your Highness does not alter your conduct and leave the inhabitants of the conquest in peace and quiet, His Right Honourable will employ such measures as Your Highness will regret. Below stood: for the translation, Cochin, date as above. Was signed: Sr. V: Jongeren, Sworn Translator. Anno 1775
Dutch transcription
123 Ao 175 Ao 1775 blijven leggen zal de E Comp:e mogten schaade lijden, daarom hebben wij holk gesonden om deselve tebezaaijen en soo als zij daar meede een begin maakte liet den resident van Cranganoor het land arresteeren, waar door de bezaaijde nelij bedorven geraakt is; dierhalven versoeken wij uwEdele groot agtb: ordre te senden dat Wij selfs die zaij velden mogen laten bezaaijen; nademaal uwEd: groot agtb: ons gesz: heeft, dat wij met geen zaken bij den Resident „ daaromgaan. van paponettij zouden gaan Bij bij hem ook niet, dog dewijl hier geen persoon is daar wij onse beswaarnis= ofte aandoen konnen valt het ons seer moeijelijk; de zaken kanden Koning van Cranganoor neemt den resident van Cranganoon waar, en wij begeeren tot onse zaken geen an= „der en zijn volkomen te wreede Wanneer uwEd: groot agtb: gem: Be= G: „sident daar toe ordre gelieve tegeven Calianbettil panikere is een onderdaen van ons en vanden koning van Crangan noor hij is eenige geld aan ons schul¬ „dig geweest en om dies betaling aan= mannende zeijde dat hij aan anderen Den 30: Junij In de Stad Corhem g lande- ook schuldig wesende „rijen tot verzekering hadde gegeven versoekende dat ij die schulden sou= „den betalen endie landerijen in onse magt nemen, gelijk wij zulx gedaan hebben desen landerijen zijn ook ten ordre van d' E Comp:s g'arresteert ver= halven versoeken Wij uwEd: Groot agtb: ordre te senden om dat arrest inte= „trekken en te gedoogen dat Wij daer „mede omgaan mogen uwEd: groot agtb: believe alle dese zaken ten herte tenemen de arresten vande zaaijvelden voorm: te laten Jntrec „ken; en ons onder de best her „ming vande E Comp:s te houden getl: bij den prins Cartamana /onder= „stond voor de tuanslatie Coc him Dm dato als boven /:was. getekend:/ = Jongeren Gesw: translateur Vr Den 30: Junij In de Stad Cochim 3: Julij Maandag schreef den Eerste tolk van Jongeren ter ordre van zijn wel Edele groot agtb: een ola aanden prins Cartamana Wegens De zaak van Arakel Naijro als hier onder Constrendt ook Concept : . . .. .„ .. „ 125 Den 3=en Julij Jn de stad Cochim Den 3e: Julij Jn de stad Cochim Den 10 do. Concept ola ter ordre van den wel Edelen groot Agtbaren Heer Adriaan Moens, Raad Extra Ordi¬ „nair van Nederlands Jndia, mitsga„ „ders Gouverneur en Derecteur der Custe mallabaar Canara en wingurla, aan den prins Cartamana geschr: den 3 Julij A=o. 1773. Uh=r wispelteurig gedrag waar mede Uho=t het Conquest Papokettij altoos ontrust heeft gehad, is mijne Jllustre opper„ „gebieder den wel Edelen Groot Agtb=r: Heer Gouverneur volkomen bekent, daarom heeft zijn wel Ed: Gr=t Agtb=r mij g'ordonneert dhaswedenom te schrijven en te herin„ „neren dat alle het geene uho:t bij zijne laatste ola geschreven heeft, met waarheijd niet overeenkomt, alzoo de zaak van Araker Naijro bij de gestelde goede mannen hier ter steede ondersogt zijnde bevonden is, dat de benefitien van de thuijnen door Arakel schriftelijk zijn over getranspor¬ „teert aan den Chego macoda met voorkennisse van den koning van Crangenoor, en Aijvoor, dierhalven vind zijn welEdle groot Agtb=r seer ongerijmt dat uw ho=t zig in een zaak be„ „moeit, daar uhoogheijd geen regt heeft, en indien voegen is het ook geleegen met de landerijen van Calien wittil Panikere; dewelke zijn wel Edele Groot Agtb=r goed„ gevonden heeft door een derde te laten beloopen tot dat Maandag; ontfing den Eersten tolk van Jongeren Een ola van den Prins Cartamana in antwoord op zijn voorige afgegaan, do luijdende aldus Translaat ola door den Prins van Cartamana geschr:, aan den Eersten gem: Panikere voor den dag zal gekoomen en die zaak finaal afgedaan zijn; Nog is alhier een klagte ten lasten van uw hoog=t gekoomen; door een moor met naame Coenje„ „medie die een thuijn van Catolij Padiaer in het Conquest leggende genoomen, gebenifileert en daar een huijs op gebouwt heeft; welke thuijn uw Hoogt konnen goedvinden te laaten verdistrueeren, en het huijs afbreeken, buijten en behalven deese Jnsolentien komen er dagelijks nog meer klagten; weegens de vaccaties die uw hoog=t aan de Jnwoonders van het Conquest pleegt, dierhalven heeft zijn wel Edele Groot Agtb=r mij geordonneert Uhoog=t te schrijven, dat zoo Uw Hoogt van gedrag niet en verandert; en de Jnwoonders van het Conquest met rust en vreede en laat, zijn wel Edele Groot Agtb=r zoodanige middelen zal gebruijken die uw Hoogt berouwen zullen; /onderstond / voor de translati„ Cochim dato als booven /:was geteekent:/ S=r V: Jongeren Geswoore translateur, — gem: 8 tolk A=o 1775; Ao 1775
English
127 The 10th of July In the City of Cochin The 10th of July In the City of Cochin, The 11th ditto: I have received Your Honour's ola, and understood its contents; Your Honour writes to me concerning the matter of the sowing fields of Arakel and concerning the lands that Calienwittil Panikere sold to me, placing the blame on me as if I have treated these matters entirely unjustly. May it please Your Honour to know that those lands had been transferred to me, but they themselves subsequently went to cultivate and sow those lands; I bought those lands from Calienwittil Panikere, and in accordance with that, I sought my right thereto according to the custom in this country; the sowing fields of Arakel also belong to me in ownership, and it will be troublesome for me that I must endure all the impertinences of the King of Cranganore; I very humbly request that His Right Honourable Sir may be pleased to send an order so that I may manage my lands; the King of Travancore has written an ola to me and sent his people, letting me know that I should come to His Highness at Trivandrum; I am now on the point of my departure thither regarding the matter of the Moor whose house I was said to have demolished; herewith goes a proof ola of the garden, and my envoy will furthermore make everything known orally; signed by His Highness; underneath stood: for the translation; Cochin, date as above; was signed: P. van Tongeren, sworn translator; received the 10th of July Anno 1775. Translation of an ola written by the Paliath Achan to the Right Honourable Sir Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, and Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla; received the 11th of July Anno 1775. Tuesday, an ola from the Paliath Achan was brought here, addressed to His Right Honourable Sir, concerning the killing of a Mukkuva woman at Otjandoertij, as can be read here below: At Otjandoerty at the house of the Christian Pallettoe Cherij, Coettij, in the night, a female slave belonging to me, being a Mukkuva woman, went to sleep; rising in the morning, the said Coettij came with a stick and beat the maid outside, 129 The 11th of July In the city of Cochin The 12th of July In the city of Cochin The 12th ditto outside, who came to die after a quarter of an hour, of which notice was immediately given to me; there is no reason to beat that woman to death so deplorably; the murderer must also be punished with death, as Your Right Honourable Sir very well knows; therefore I request Your Right Honourable Sir to have the said Coettij fetched, to investigate the matter, and to punish the guilty party as an example to others; signed by the Paliath Achan; underneath stood: for the translation; Cochin, date as above; was signed: S. v. Tongeren, sworn translator. Wednesday, His Right Honourable Sir wrote a letter to the King of Travancore regarding the Moor Coenja, who had abducted and sold two free persons, reading as follows: Draft ola by the Right Honourable Sir Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, and Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla, written to the King of Travancore on the 12th of July Anno 1775. The Moor Coenje, lately residing at Porca, brought two free persons here, namely a Saint Thomas Christian named Matto and a heathen Pandi named Soepramanien, to be sold; as soon as I received knowledge thereof, I had that matter investigated by the fiscal, who has served me with a report that the said Moor has confessed and admitted that he had transported these free persons hither with the intention of selling them; and since the said Moor is a subject of Your Highness, I intend, for the preservation and increase of friendship, to hand him over to Your Highness, in order to have him punished according to his deserts, from which Your Highness may see how I attempt to prevent the stealing of slaves; therefore I request that Your Highness please send someone hither to take over that criminal; may God preserve Your Highness; underneath stood: translated into the Malabar language by me; Cochin, date as above; was signed: S. v. Tongeren, sworn translator. The 14th ditto - - - Friday, an ola was brought here from Payencherry.
Dutch transcription
127 Den 10 Julij Jn de Stad Cochim Den 10„e Julij Jon de Stad Cochim, Den 11: d:o: Jk heb UwEd: ola ontfangen, en dies Jnhoud verstaan, uwel„ „Edele schrijft mij over de zaak van de Zaaijvelden van arakel en over de landerijen die Calienwittil Panikere aan mij verkogt heeft, leggende de schuld op mij als of ik d: zaaken altemaal ten onregten getracteert heb, UEd: gelieve te weeten dat die landen aan mij getransporteert waaren, maar zij gingen zelfs die landen daar na Cultiveeren en bezaaijen, ik heb die landereijn van Calien wittil panikere gekogt, en volgens die heb ik na den gebruijk hier te lande mijn regt daar op gesogt; de Zaaijvelden van Arekel komen mij ook in Eijgendom toe, en het zal voor mijt lastig zijn, dat ik alle de Jmpertinentie van den koning van Crangenoor moet verdraagen; Jk versoeke seer ootmoe= „dig dat zijn wel Edele Groot Agtb=r ordre gelieven te senden, dat ik met mijne landereijen om gaan mag, den Coning van Trevancoor heeft een ola aan mij gesch=n, en zijn volk gezonden, en laaten weeten, dat ik op Jiroewandaporom bij zijn Hoog=t soude komen, Jk staa nu op mijn vertrek naar derwaarts voegens de zaak van de moor wiens huijs ik zoude afge„ Op Atjandoerty ten huijsen van den Christen Pallettoe Cherij, Coettij is in de nagt, een slavin van mij zijnde, een moguasse gaan slaapen, des smorgens opstaande, kwam gem: Coettij met een stok, en sloeg de meijd naar Translaat ola door den Paljetter geschr: aan den wel Edelen Groot Agtb=re Heer Adriaan Moens, Raad Extra Ordinair van Nedelands Jndia; mitsgaders Gouverneur en De„ „vecteur der Custe Mallebaar Canara en Wingurla; ontf: den 1 Julij Ao. 1751 Dingsdag, wierd hier een ola van den paljetter aan„ „gebragt, gerigt aan zijn wel Edele Groot Agtb=r over het doodslaan van een moguase vrouw op Otjandoertij als hier beneeden te leesen is: „brooken hebben, daar doan gaat bij deesen een bewijs ola van de thuijn, en mijn afsendeling sal overigens mondeling alles bekent maaken; /:get=t/ bij zijn Hoogheijd /:onderstond:/ voor de translatie; Cochim- dato als booven /was geteekend:/ P: v tongeren geswoore translateur tolk van tongeren, ontfangen den 10=de Julij Ao 1775 brooken. buijten Ao 1775 A=o 1775; d 129 Den 11: Julij Jn de stad Cochim Den 12 Julij In de stad Cochim Den 12: d buijten, die naar een Quartier is komen te sterven, waar van mij ten Eersten kennisse gegeven is; men heeft geen reeden die vrouw soo deerlijk dood te slaan, de moordenaar moet ook met de dood gestraft werden; gelijk Uwel Edele Groot Agtb=r seer wel weet, dierhalven versoek uwel Edele Groot Agtb=r gem: Cadtij te laaten haalen= de zaak te onderzoeken en den schuldige tot Exempel van andere te straffen; /:geteekent :/ bij den Paljetter /:onder„ „stond:/ voor de translatie; Cochim dato als booven /:was geteekend :/ S: V: Jongeren geswoore translateur, Woensdag schreef zijn wel Edele Groot Agtb=r een brief aan den koning van trevancoor weegens den moort Coenja, die twee vreije menschen vor„ „voert en verkogt had; luijdende aldus Concept ola door den wel Edelen Groot Agtb=r Heer, Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van Nederlands Jndia mitsgaders gouver„ „neur en Directeur der Custe mal„ „labaar Janara en. Wingurla Den 14; do - - - Vrijderg bragt men hier een ola van Paijencherij Den moor Coenje, nu Jongst woonagtig geweest te Porca, heeft twee vreije menschen, als een Santhomus Christen genaamt matto, en een heijdense pandij genaamt— Soepra manien hier gebragt om verkogt te werden zoo dra ik daar kennisse van kreeg liet ik die zaake onderzoeken door den fiscaal, die mij van rapport gedient heeft, dat gem: moor geconfesseert en beleeden heeft, dat hij die vreije menschen dit heen vervaert had, met Jntentie om deselve te verkoopen, en dewijl gem: moor een onderdaan van Uhoogt is, zoo ben ik voornemens tot Conservatie en vermeerdering der vriendschap den selven aan Uhoogheijd overtegeeven, om hem na mertte te doen straffen, en waar uijt Uhoogh=t zien hoe ik het steelen van slaaven tragte te beletten; dierhalve vversoeke dat Uhoogh=t Jemand herwaarts gelieft te senden om dien misdadiger overteneemen; god bewaare Uhoogh=t /:onderstond:/ door mij in het mallebaars overgeset, Cochim dato als booven /:was geteekend:/ S: v: Jongeren geswoore translateur; aan den koning van trevancoor geschr: den 12 Julij Ao. 1775 aan Jtlij A=o 1775; Ao 1775
English
131 The 14th of July In the city of Cochim The 14th of July In the City of Cochim Translation of an ola by the Payenchery Itty Candy Canden, written to the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, and Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla; received the 14th of July in the year 1775. In the conquest of Paponetty lie certain lands, named Totta Parambatto Moely, rightfully belonging to us, and since the one of Ayroor or Coeyecatto had caused them to be ploughed, I submitted my grievances concerning this to Your Right Honourable, whereupon it pleased Your Right Honourable to send the Postholder of Manicorde here and have the harvest impounded. Now the one of Ayroor or Coesicatto has sent people and had that land sown. Besides that, Prince Cartamana has caused another piece of land that has belonged to me from old times to be seized, and after that seizure was withdrawn, I sent my people into the field with young paddy plants to sow the same, but Prince Cartamana again caused that land to be seized, whereby those plants have rotted and perished. I do not know in what manner one shall live here when the Company's orders are thus violated. At Coddamangalam lie two gardens, of which half belongs to us, and over which a dispute arose with Prince Cartamana; the same was postponed to be examined at a further opportunity, yet before and until such has happened, Prince Cartamana interferes with it. Therefore I request Your Right Honourable to protect me according to equity. Signed: Payencherij Nayro. Below stood: for the translation; Cochim, date as above; was signed: S. v. Tongeren, sworn translator. Translation of an ola by the King of Cranganore. On the 15th of the same month, Saturday, His Right Honourable received an ola from the King of Cranganore, complaining once again about the conduct of Prince Cartamana, reading word for word as follows: 133 The 15th of July in the City of Cochim In the City of Cochim The 15th of July Written by the King of Cranganore to the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, and Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla; received the 15th of July in the year 1775. How Calenwittil sold his lands to Prince Cartamana, we have written and made known to Your Right Honourable, and now we have understood from his heirs that Cartamana has had a slave of his family seized. His said heirs complain strongly about that treatment, yet the hostilities of Cartamana do not cease. The lands of ours and of Ayroor which were leased out to Arakel, Arakel and his heirs have transferred to the Chego Macoda. He has always paid the lease money from it to both rulers, and in this year an action has been instituted against it, whereby those lands have remained uncultivated; as well as how Cartamana has revoked the Company's seizures and gathered about 200 armed men and with them sown the fields by force; also how the Noorianty Nambiar, taking up his residence here in the country, keeps evildoers by his side and buys lands from them. Requesting Your Right Honourable to take all these matters to heart, and in everything to issue the requisite orders. Itty Raritja is currently somewhat sickly, and as soon as he recovers I shall send him to the city. Signed by His Highness. Below stood: for the translation; Cochim, date as above; was signed: S. V. Tongeren, sworn translator. The 10th of August, Thursday, by order of His Right Honourable, an ola was written by the first interpreter Van Tongeren to the Paliath Achan regarding the hindrances caused to the Company's tobacco farmer, reading as follows: Draft ola by order of the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, and Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla, written to the Paliath Achan on the 10th of August in the year 1775. Whereas the Company's tobacco farmers strongly declare that
Dutch transcription
131 Den 14: Julij Jn de stad Cochim Den 14 Julij In de Stad Cochim Jttiy Condij landen, aan zijn wel Edele Groot Agtb=re gerigt, Jnhoudende belagte teegens den Prins Cartamana„ breeder hier te leesen Translaat ola door den Plijenehan Jty oenij Canden, geschrev: aan den wel Edelen Groot Agtb=r Heer Adriaan Moens Raad Extra ordinair van Nederlands Jndia mitsgaders gouverneur en Derecteur der Custe mallebaar Canara en Wongurla; ontf: den 14 Julij A:o 1775; Jn het Conquest Paponettij leggen zeekere landerijen, met naame totta parambatto moelij ons van regtsweegen Competeerende, en dewijl die van Aijvoer off Coejecatto deselve had laaten beploegen, heb ik mijn beswaarnissen Den 15 d:o daar over aan Uwel Edele Groot Agtb=r gedaan, wanneer het UwelEdele Groot Agtb=r behaagt hadde den Posthouder van Manicoorde hier te senden, en het gewas te laaten opleggen, nu heeft die van Aijvoer of Coesicatto volk gesonden, en laaten dat land bezaaijen, behalven dat heeft den prins Cartamana nog een ander stuken Translaat ola door den koning Saterdag; ontfing sijn wel Edele Groot Agtb:r een ola van den koning van Crangenoor; klaagende alweeder over de behandeling van den Prins Car¬ „tamana, luijdendende van woord tot woord als volgt; land, dat mij van ouds toekomt laaten arresteeren, en na dat arrest is ingetrokken, sond ik mijn volk met Jonge nelij plantjes in het veld om dezelve te bezaaijen, maar den Prins Cartamana heeft weeder dat land laaten Arresteeren, waar door die plantses verrot en vergaan zijn, ik weet niet op wat wijze men hier leeven zal; wanneer dat s' Comp:s orders dusdaanig overtreeden word; op Coddamagalam leggen twee doopen, waar van de helfte ons Compiteerd, en waar over met den prins Cartamana geschil ontstaan zijnde; is het zelve uijtgesteld om bij naader gelegendheijd te Exami„ „neeren, dog voor en al eer sulks geschied is, gaat den Prins Carlamana daar meede om, derhalven versoeke ik Uwel Edele Groot Agtb=re, mij na de billijkheijd te beschermen; /:geteekent:/ Paijencherij naijro: /:onderstond:/ voor de translatie; Cochim dato als booven; /:was ge„ „teekend :/ S: v: Jongeren geswoore translateur; land van A:o 1775; Ao 1775 d8 E 133 Den 15 Julij Jn de Stad. Cochim In de Stad Cochim Den 15. Julij van Crangenoor, aan den wel Edelen Groot Agtb=r Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van Nederlands Jndia, mitsgaders Gouverneur en Derecteur der „Custe mallabaar Canara en Wingunste geschr: ontf: den 15 Julij A=o 1775; Hoedaanig dat Calenwittil aan den Prins Cartamana zijne land„ „teijen heeft verkogt, hebben wij aan uwel Edele Groot Agtb=r gebehr: en bekent gemaakt, en nu hebben wij van zijne Erfgen= verstaan dat Cartamana een slaaf van zijne famiu„ „je heeft laaten opvatten, gemelde zijne Erfgenaamen klaagen sterk over die behandeling, dog de Hosliteijten van Cartamana Cesseeren niet, de landerijen van ons en van glijvoer die aan Arakel in pagt gegeven waaren; heeft Arabel met zijne Erfgen:, aan den Chego macoda over getransporteert, hij heeft daar van altijd de pagt penni aan beijde de vorsten betaalt, en in dit Jaar is daar actie opgeformeert; waar door die landerigen ongeluttiveert zijn gebleeven mitsgaders hoe Cant: „mana de Arresten van de Comp: heeft Jngetrokken en omtrent 200: gewaapende manschappen vergadert en daar meede de velden met geweld bezaaijd, ook hoe„e noeriantij nambiaar hier te lande zijn verblijf neemende, quaad Nademaal s' Comp=s tabax pagters sterk door leeren dat Concept ola Ter order van den wel Edelen Groot Agtb=re Heer Adriaan Moens, Raad Extra Ordinair van Nederlands Jndia mitsgaders Gouverneur en Directeur der Custe mallabaar Canara en Wingurla, aan den Paljetter geschrz: den 10 Augus„ „tus Anno 1775; Den 10: August:t Donderdag wierd ter ordr van zijn wel Edelen Groot Agtb:r door den Eersten tolk van tongeren, een ola geschr: aan den paljetter noopens de verhinderingen toe „gebragt aan 's Comp:s tabaks pagter luijdende als volgt; gebiende luijden op zijde haod, en van deselve landerijen koopt, UWel Edele Groot Agtb=r oversoekende alle deese zaaken ter harten te neemen, en in alles de vvereijschte orders te stellen, Jttij Raritja is thans wat zieklijk, en soo dra hij hersteld werd zal ik hem na de stad senden, /geteekent / bij zijn hoogheijd /:onderstond :/ voor de translatie; Cochim dato als booven, /:was geteekend:/ S: V: Tongeren, geswoore translateur, gesiende zij Ao 1775 Ao. 1775
English
135 The 10th of August In the City of Cochim The 12th of August In the City of Cochim The 12th they encounter great impediments in the transport of tobacco along the Palcat Cherijse roads, whereby they must suffer extraordinary damage and disadvantage; thus my Illustrious supreme commander, the Right Honorable and Highly Esteemed Lord Governor, has ordered me to write this to Your Honor, and to request that the required orders be sent to those places, so that in the future they cause no hindrances to the said farmers in the transport of their tobacco, which they must sell to the Company's community; and in that matter they must be maintained, especially in the 18½ villages where our farmers are also hindered in the transport of their tobacco, which could give rise to great difficulties, since the Honorable Company ceded those villages to His Highness to enjoy the usufruct thereof, but not to commit such acts of wantonness, for which reason Your Honor is requested to order what is necessary at once; God preserve Your Honor. Beneath stood: for the translation, Cochim date as above; was signed: S: v: Jongeren, sworn translator. Saturday the answer of the Paljetter arrived to the ola sent to him regarding the stoppages upon the transport of tobacco, as appears here below; From Your Honor's received ola, I have seen that the Company's tobacco farmers complain heavily that they encounter great hindrances in the transport of tobacco through the Paliatserijse ways, especially in the 18½ villages that the Honorable Company had ceded to His Highness, with a request to issue the necessary orders against this. I would gladly wish to know in what place and by whom that hindrance was caused, principally in the 18½ villages, for if I am not informed who did such things, I cannot administer punishment. I can solemnly declare to Your Honor that no hindrance has ever been caused to the tobacco that the Company's farmers bring in. I request Your Honor to be so good as to inform me who, and in what place, seized and arrested the tobacco of the Honorable Company, especially in the 18½ villages; whereupon I shall have them brought before me, punish them according to their deserts, and establish order so that in the future such is done no more. The farmers will surely be able to state where and by whom that hindrance was caused, which I request Your Honor to let me know without delay, for I am Translation of the ola written by the Paljetter to the First Interpreter van Jongeren, received the 12th of August Anno 1775 Translation uneasy Anno 1775 Anno 1775 137 The 12th of August In the City of Cochim The 21st of August In the city of Cochim The 21st uneasy about it; signed by the Paljetter. Beneath stood: for the translation; Cochim date as above; was signed: S: v: Jongeren; sworn translator. Monday the Right Honorable and Highly Esteemed received an ola from Paijencherij Jelty Condij Canden, containing complaints against those of Coescatto and Cartamana regarding the seizing of his lands, as appears here below; Translation of the ola written by Paijencherij Aelatto Itty Oenij Candij Naijro to the Right Honorable and Highly Esteemed Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councilor of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director of the Malabar Coast, Canara and Vingurla, received the 21st of August 1775; In the Conquest Papohettij lie certain lands and gardens that belong to us in ownership from time immemorial, and which we have given over for the maintenance of Tottoporota, which lands the one of Aijroer or Coessilatto has seized without any semblance of right or reason, and has had ploughed by his people; concerning which, our complaint being made to Your Right Honorable and Highly Esteemed, it pleased the same to send the Postholder of Manicorde thither, to place the harvest thereof under sequestration. Now the one of Coesicatto has had that land cultivated and sown again. Furthermore, the Prince of Cartamana has also seized a piece of our land that legally belongs to us, and which we have leased for over 15 years now to a certain subject of ours, who, having brought his paddy seedlings there to sow, could not execute this because of that prohibition, and thereby suffered the loss that thieves stole those seedlings. We request that Your Right Honorable and Highly Esteemed please have the goodness to send an order to withdraw those seizures and to help us so that we may deal with those lands. Signed by Aelatto Itty Oenij Candij Naijro. Beneath stood: for the translation, Cochim date as above; was signed: S: v: Jongeren, sworn translator. Furthermore, the Right Honorable and Highly Esteemed received two letters from the King of Travancore, containing a request for 50,000 Rupees on the pepper delivery, and the forwarding Aijroer of Anno 1775; Anno 1775
Dutch transcription
135 Den 10 August: Jn de Stad Cochim Den 12 Augs. Jn de Stad Cochim v Den 12 zij in den afbreng van de taback door de palcat Cherijse weegen groote verminderingen ontmoeten waar door zij aarongemeene schade en nadeel moeten lijden; zoo heeft mijn Jllustere opperge„ „bieder, den welEdelen Groot Agtb=r Heer Gouverneur mij g'ordonneert deese aan uEdele te schrijven, en te versoeken de vereijschte orders naar die plaatzen te zenden, dat zij in den aanstaande geen hindernissen aan gem: pagters komen toe te brengen, in den afbreng van hun taback, die zij aan s: Comp: gemeente moeten verkoopen; en in dat stuk, gemain „tineert moeten worden, Jnsonderheijd op de 18½, dorpen den onse pagters in den vervoer van hun taback ook verhindert worden, waar door groote- moeijlijkheeden soude konnen onttaen alsoo de E: Comp: die dorpen aan zijn Hoogh=t afgestaan, om den het vrugt gebruijk van te genieten, maar niet om zulke baldaadigheeden te pleegen, waarom uwel Edele versogt woord het noodige ten eersten te ordonneeren; God bewaare UEdele /:onderstond:/ voor de translatie, Cochim dato als booven; /:was geteekend:/ S: v: Jongeren geswoore translateur; Saterdag kwam het antwoord van den Paljetter op de aan hem afgezondene ola weegens de arrersten, op den afbreng van den tabak als hier onder Consteert; Uijt UEd: ontvangene ola, heb ik gezien dat 's Comp„s taback pagters sterk doleeren dat zij in den afbreng van de taback door de Paliascherijse vreegen groote verhinderingen ontmoeten Insonderheijd op de 18½ dorpen die de E: Comp: aan zijn Hoogh=t afgestaan had, met versoek om daar teegen de noodige orders te stellen, Jk wenschte gaarn te moogen weeten op wat plaatse en door wie die verhindering is toegebragt, principaal op de 18½ dorpen, want als ik niet onderregt ban wie zulx gedaan heeft, kan ik geen straffe oeffenen, ik kan UEd: heijliglijk verklaaren, dat op den taback die s' Comp=s pagters aanbrengen, nooijt eenig verhindering is toegebragt, Jk versoeke. UEd: mij te willen onderrigten, wie en op wat plaatze de taback van d' Edele Comp: is aangehouden en g'ar„ „vesteert insonderheijd op de 18½ doopen; wanneer ik deselve bij mij sal laaten halen, maar verdienste Corrigeeren, en order stellen om in den aanstaande sulks niet meer te doen, de pagters zullen wel konnen opgeeven, waar en door wie die verhindering is toegebragt, het geen ik UEd:s versoeke mij sonder terdanke te laaten weeten, want ik den daar Translaat ola door den Paljetter geschr: aan den Eersten tolk van Jongen. g „ren, ontf: den 12. August=s A=o 1775 Translaat ongerust Ao: 1175 Ao. 1775 137 Den 12 August: Jon de Had Cochim Den 21 Aug=s Jn de stad Cochim Den 21e ongerust over; geteekent bij den Paljetter (:Onderstond:/ voor de translatie; Cochim dato als booven; /:was geteekend: S: v: Gongeren; geswoore translateur; Maandag ontsing zijn wel Edele Groot Agtbs: een ola van Paijencherij Jelty Condij Canden, behelsende klagte teegens die van Coescatto en Cartamana weegens het arresteeren van zijne Landerijen, als hier onder Consten Translaat ola door Paijendn Canda naijra delatto Jttij denij geschr: aan den WelEdelen Groot Agtbr. Heer Adriaan Moens, Raad Extra Ordinair van Nederland Jndia, mitsgaders Gouverneur en Derecteur der Custe Mallebaar Canara en Wingurla, ontf: den 21 Aug:s 1775; In het Conquest papohettij leggen zeekere landerijen en thuijnen; die ons van onheugelijke tijden in Eygendom Competeeren, en dewelke wij tot onderhoud van tottoporota aff gegeven hebben, welke landerijen heeft die van Aijroer of Coessilatto sonder eenig scheijn van regt of reeden aangeslaagen, en door derselver volk laaten omploegeren waar over onse klagte, aan Uwel Edele groot Agtb=r doende, heeft hoogst deselve behaagt den Posthouder van manicorde, dit heen te senden, het gewas daar van in sequastratie te laaten opleggen, nu heeft die van Coesicatto dat land weeder laaten Cultiveeren en bezaaijen, daar en booven heeft de Prins van Cartamana ook een stuk land van ons aangeslaagen dat ons van regtstweegen Competeert, en wij nu over 15 Jaaren aan zeeker ons onderdaan in pagt gegeven hebben, den welken zijne nelij- plantjes aldaar gebragt hebbende, om te bezaaijen, konde door dat verbod zulks niet werkstellig maaken, en daar bij heeft hij dat verlies bekoomen, dat de dieven die plantjes gestoolen hebben, wij versoeken dat Uwel Edele groot Agtb=r de goedheijd gelieven te hebben, order te senden, om die arresten in te trekken en ons te helpen, dat wij met die landereijen moogen omgaan / get: :/ bij aelatto Jtty oenij Candij naijro„ /:onderstond:/ voor de translatie, Cochim dato als booven /:was geteekend:/ S: v: Jongeren, geswoore translateur Nog ontfing zijn wel Edele groot Agtb=re twee brieven van den koning van trevencoor behelsende versoek om 50'000 Rop=s op de peeper leverantie, en oversending Aijroer van Ao: 1775; Ao. 1775
English
139 The 21st of August in the City of Cochim The 21st of August in the city of Cochim concerning a certain Moor who was under arrest for the stealing of slaves, see the translations below: Translation of a Malabar letter written by the King of Trevencoor to the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of Netherlands India, and Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Wringurla, written and received the 21st of August, Anno 1775. Whereas we are at present in great need of expenses, we take the liberty to request the Right Honourable to send us a sum of 50,000 rupees upon the pepper delivery, against a proper receipt from Ananda Mallen. Written in the year Coijlen 951, the 1st of the month Chingam, or Anno 1775 the 10th of August, by Balia Melesta Ananja Peromaal, and signed by His Highness. Underneath stood: for the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. V. Tongeren, sworn translator. Translation of a Malabar letter written by the King of Trevencoor to the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of Netherlands India, and Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Jenara, and Vringurla, received the 21st of August, Anno 1775: We have received two letters from the Right Honourable and understood their contents, from which we understood that a certain Moor from our country was detained under arrest there for the stealing of slaves, and that we should send people to fetch him. We are greatly obliged to the Right Honourable for that attention, and request the Right Honourable to hand over the said Moor to Amanda Mallen. We have sent orders to our ragiadoors to show the Lord Second all possible assistance in his journey, and upon his arrival to immediately open the gate of the lines of Toevallen. Everything that the Right Honourable has let us know through Ananda Mallen has been properly reported to us; we have let the Right Honourable know the answer thereto through the aforesaid Amanda Mallen. Written by Balie Melesetta Canaka Ananja Perumaal, and signed by His Highness. Underneath stood: for the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. V. Vongeren, sworn translator. Tuesday, Anno 1775 141 The 22nd of August in the City of Cochim The 22nd of August in the City of Cochim, Anno 1775. On Tuesday an ola from the Paljetter was delivered here, addressed to the Right Honourable, containing the settlement of the disputes between the Canarese Madaven and Babado, as appears below: Translation of an ola written by the Paljetter to the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of Netherlands India, and Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Voingurla, written and received the 22nd of August, Anno 1775: The Canarese named Bababbo and Madamen, residing at Crangenoor, having some outstanding accounts with each other, Madamen went with his complaint to the Right Honourable, whereupon the Right Honourable had sent orders to Crangenoor to send Bababdo to the city. Pursuant thereto, the Resident sent lascars to fetch Babalto; he was not to be found there because he was then with me, for which reason they attempted to bring the father of Babbabdo to the fort. But the King of Cranganoor sent for the Resident and told him not to do so, as that matter would be settled according to equity, because that Canarese was a man who engaged in no deceit. Upon that request, that matter was adjourned until the fifth of the month. This Bababoo is the renter of Chenotta, and when he goes thither over this matter, the lease will fall into decline. I have previously had those differences between Bababoo and Mademen examined and settled in my presence by the arbitrators; what Bababdo had to pay to Maddamen, I have duly satisfied. But Mademen is a man who engages in tricks, and has therefore misrepresented the matter to the Right Honourable with the intention of bringing my lease into decline, as I have long since learned; and to that end, I have written an ola to the first interpreter to inform the Right Honourable thereof, but have not received an answer thereto as yet, and in the meantime it is learned that this man is being sought. I can assure the Right Honourable that Bababoo is in the right in this matter, and that Madamen seeks to molest him unjustly. I shall have the opportunity to give the Right Honourable further information thereof as soon as the King has recovered and I have come from Trepontarra to Cochim, at which time I shall bring Babbado along to examine the matter further, and to the Right Honourable...
Dutch transcription
139 Den 21' Aug=s Jn de Stad Cochim Den 21' aug.s Jn de stad Cochim van zeeker moor die over het steelen van slaaven „garresteert zat wide de translaaten hier beneeden; Translaat mallabaarsse brief door den koning van- trevencoor geschreeven aan den wel Edele Groot Agtb=re Heer Adriaan Moens, Raad Extra Ortinai van Nederlands Jndia, mitsgaders gouverneur en Derecteur der Custe mallabaar Canara en Wringurla geschr: ontf: den 21 aug=s A=o 1775 Nademaal wij thans zeer verleegen zijn, om guastos, neemen voij de corijheijd Uwel Edele groot Agtb te versoeken om op de peeper leverantie een somma van 50'000 rop:s onder behoorlijke quitantie van Ananda mallen, ons toe te senden, geschreeven, in het Jaar Coijlen 951, den 1=te van de maand Chingam ofte a=o 1775 den 10 aug=s bij balia melesta ananja Peromaal en /: get:/ bij zijn Hoogh=t /: onderstond:/ voor de translatie Cochim dato als boven /was geteekend:/ S: V: tongeren gaswoore transe„ „teur; Translaat mallebaarse brief door den koning van trevencoor geschirt: aan den Wel Edelen Groot Agtb=r Heer Voij hebben twee brieven van Uwel Edele groot Agtb=rn ontfan„ „gen, en dies inhoud verstaan, waar uijt wij verstonden dat zeeker moor uijt ons land, over het steelen van slaven aldaar gearresteert zat, en dat wij volk zoude zenden om hem afte haalen, wij zijn uwel Edele groot Agtb=ren zeer verpligt voor die atentie, en versoeke uwel Edele groot Agtb=r gemelde moor aan Amanda mallen over te geeven wij hebben orders aan onse ragiadoors gesonden, om de Heer secunde in zijne reijse alle moogelijke assistentie te bewijsen en bij desselvs aankomst ten eersten de poort van de lenie van toevallen open te maaken, alle het geene uwel Edele groot agtb=r ons door Ananda mallen heeft laaten weeten„ is ons behoorlijk geraporteert, wij hebben het antwoort daar op door voorschr: Amanda mallen, aan u wel Edele groot Agtb:r laaten weeten, geschr: bij Balie melesetta Canaka ananja perumaal, en get: bij zijn Hoogh=t /:onderstond:/ voor de translatie, Cochim dato als booven /:was geteekent:/ S: V: Vongeren, gesw: translateur, Adriaan Moens, Raad Extra Ordinair van Nederlands Jndia mitsgaders gouverneur en Derecteur der Custe mallabaar Jenara en vringurla, ontf: den 21 aug=s A=o 1775; Adriaan Dinsdag Ao 1775 A=o 1775; d 141. Den 22. aug=s Jn de Stad Cochim Den 22 Aug:s Jn de Stad Cochim Dinsdag wiert hier aangebragt een ola van den paljetter; aan zijn wel Edele groot Agtb=r gerigt inhoudend de afmaaking der verschillen tusschen de Canareijns madaven en babado, als hier onder blijkt Translaat-ola door den paljetter geschr: aan den wel Edelen groot agtb: Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van Nederlands Jndia, mits „gaders gouverneur en Derecteur der der Custe mallabaar Canara en voingurla, geschr: en ontf: den 22 Aug=s A=o 1775 De Canarijns met naame bababbo, en madamen, woonatig op Crangenoor, met den anderen eenige reekenings uijtstaan hebbende, ging madamen, met zijne klagte bij Uwel Edele groot Agtb=r, als wanneer UwelEdele Groot Agtb=r order na Crangenoor gesonden had, om bababdo na de stad te senden ingevolge van dien sond den Resident lascorijns om babalto te haalen, hij was daar niet te vinden, om dat hij toen bij mij was, reeden waarom men getragt had, de vader van babbabdo naar het fort te brengen, dog den koning van Cranganoor heeft de Resident laaten roepen, en tijn den zelven gesegt om zulx niet te doen, alzoo die zaak volgens de billijkheijd afgedaan zoude worden, om dat die Canarijn een man was die zig met geen bedrog ophield, op dat versoek is die zaak gelemiteert, tot op den vijften van de maand; deese bababoo is pagter van Chenotta, en wanneer hij over die zaak naar derwaarts gaat, zal de pagt in verval raaken; jk heb die overschillen van bababoo, en mademen, bevoorens in mijn presentie door de goede mannen laaten onderzoe„ „ken en afmaaken, het geen wat bababdo aan maddamen moeste betaalen heb ik behoorlijk voldaan, maar made„ men is een man die zig met streeken ophoud, en heeft overzulx de zaak aan uwel Edele Groot Agtb=r verkeert opgegeven, met het oogmerk om mijn pagt in vervalte brengen, gelijk ik zulx al lang vernoomen heb, en ten dien fine heb ik een ola aan den Eersten tolk geschr. om uwel Edele groot Agtb=r daar kennisse van te geven, dog hebbe daar op tot nog toe geen antwoort bekoomen, en ondertussen verneemt men, dat die man opgesogt word, ik kan uwel Edele groot Agtb=r verzeekeren, dat bababoo in deese zaak regt heeft, en dat madamen hem ten onregten zoekt te molesteeren, ik zal gelegendheijd krijgen Uwel Edele groot Agtb=r daar van nadere Jnformatie te doen zoo dra de koning hersteld, en ik van trepontarra op Cochim zal gekoomen zijn wanneer babbado meede brengen zal, om de zaak nader te onderzoeken, en uwel Edele groot Agtb=r volgens„ daar Ao 1775 Ao 1175,
English
143 The 22 August. In the city of Cochim In the city of Cochim The 22 August to report on it, for if I send Babbadoe thither at present, the lease will fall into ruin; therefore I request Your Right Honourable not to initiate any actions in this matter against Bababdo nor his family until I have arrived in Cochim, sending to that end a letter to the Resident of Crangenoor. I await a favourable reply from Your Right Honourable. But if it should please Your Right Honourable that this matter must be investigated immediately, I request Your Right Honourable to send Madamen here with his arbitrators, whereupon I will have the matter investigated by arbitrators from both sides, and submit their verdict to Your Right Honourable. I request Your Right Honourable to send me an answer to this, as well as to send a letter to Crangenoor to order the action against Babasda and his family to cease. Signed by the Paliath Achan. Below stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. v. Tongeren, sworn translator. Furthermore, His Right Honourable received an ola from Paijencherij Nairo, communicating the death of his uncle, as can be read below: In the year Collam 950, the 4th of the month of Chingam, or anno 1775, the 14 August, on Thursday evening at 4 o'clock, our uncle passed away. We request Your Right Honourable to send an order to the Resident of Chettua to provide us with 25 lb of gunpowder on the 29th of this month for the observance of the mourning ceremony. Unsigned. Below stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. V. Tongeren, sworn translator. To the Paliath Achan, by order of His Right Honourable, the following reply was sent: Draft ola by order of the Right Honourable Mr Adriaan Moens, Councillor Extraordinary of Dutch India, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara and Vingurla, to the Paliath Achan, written the 22 August 1775. Translation of the ola written by Paijencherij Nairo to the Right Honourable Mr Adriaan Moens, Councillor Extraordinary of Dutch India, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara and Vingurla, received the 22 August 1775. Translation of Anno 1775 Anno 1775 145 The 22 August. In the city of Cochim The 30 August, in the city of Cochim My Illustrious Supreme Commander, the Right Honourable Mr Governor, having received Your Honour's ola concerning the matter of the Canarese Madamen and Babbado, has ordered me to reply to Your Honour that His Right Honourable will write to Crangenoor concerning this. May God preserve Your Honour. Below stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. V. Tongeren, sworn translator. The 30th ditto, Wednesday, His Right Honourable dispatched an ola to the King of Trevancoor containing a grievance regarding the poor delivery of pepper, as appears below: Draft ola by the Right Honourable Mr Adriaan Moens, Councillor Extraordinary of Dutch India, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara and Vingurla, to the King of Trevancoor, written the 30 August Anno 1775. Your Highness's two olas have been received by me, and according to the contents of the one, I have immediately delivered the Moor in question, who had stolen slaves, to Thanda Mallen; and although there are currently few rupees in stock here, I will nevertheless, at Your Highness's request mentioned in the other letter, immediately have rupees exchanged for ducats or other gold currency, in the hope that within a short time I will obtain the required 50,000 rupees exchanged, in order to give Your Highness satisfaction in all things as far as is possible from my side. Yet I could wish that Your Highness on your part would always be as ready to give satisfaction to the Company, of which, to my regret, throughout my administration I experience more and more the contrary, and that concerning the most important article of the contract, I mean the pepper, over which I have already complained in vain so many times, just as I must now again utter my utmost complaint about the scanty pepper delivery of this year, completely contrary to Your Highness's solemnly given promise that not a candy of pepper would leave Your Highness's land before the contracted quantity had first been delivered to the Company.
Dutch transcription
143 Den 22 Aug=s. Jn de stad Cochim Jn de stad Cochim Den 22 aug:s daar Rapport van te doen, want wanneer ik babbadoe thans naar derwaarts zende, zal de pagt in verval geraaken dierhalven versoeke Uwel Edele groot Agtb=r over deese zaak teegens bababdo nog zijn famielje geen acties te formeeren, tot dat ik op Cochim zal gekoomen weezen, sendende ten dien fine een brief aan den Resident van Crangenoor„ ik verwagte een gunstig antwoort van Uwel Edele groot ijz dog zoo uwel Edele groot agtb=r mogt behagen dat dese zaak ten eersten zal moeten onderzogt worden, versoeke uwel Edele groot Agtb=r madamen met zijne goede mannen hier te zenden wanneer ik de zaak door wederseijdse goede mannen zal laaten onderzoeken, en de uijtspraak derselver aan uwel de groot Agtb=r laaten toekoomen, ik versoeke uwel Edele groot Agtb=re mij antwoort hier op te laaten toekoomen, als ook een brief na Crangenoor te senden, om de actie teegens babasda en zijn famielje te laaten Ces„ „seeren, /: geteekent bij den paljetter /:onderstond:/ voor de translatie Cochim dato als booven (: was geteekent:/ S: v: tongeren gesw: translateur; Voorts ontfing zijn wel Edele groot Agtb=r een ola van paijencherij Nairo, Communiceerende het sterf geval van zijn oom, gelijk hier beneeden kan geleesen worden; Jn het Jaar Coijlan 950 den 4 van de maand Chingam ofte anno 1775; den 14 Aug=s op donderdag des avonds te 4 uuren is onsen oom overleeden, wij versoeken uwel Edele groot Agtb=r aan den Resident van Chettua order te senden, om ons op den 29 Courant 25 lb buskruijt te verstrekken tot het houden van de rouw Cermonie, niet geteekent (onderstond voor de translatie Cochim dato als booven, /:was geteekend :/ S: V: Jongeren gesw: translateur, aan den paljetter is ter order van zijn wel Edele Groot Agtb=r het volgende antwoort gesonden; Concept ola ter order van den— wel Edele Groot Agtb=r Heer Adriaan Moens Raad Extra ordinair Translaat ola door Paijencherij Nairo geschrz: aan den wel Edelen groot Agtbr Heer Adriaan Moens Raad Extra Ordinair van Nederlands Jndia, mitsgaders Gouverneur en Devecteur der Custe mallabaar Canara en Woingarla, ontf: den 22 aug=s 1775; Translaat van Ao: 1775 Ao. 1775 145 Den 22 Aug=s. Jn de stad Cochim Den 30 aug:s Jn de stad Cochim Mijne Jllustre Oppergebieder den welEdelen groot Agtb=r Heer Gouverneur, UEd, ola over de zaak van de Canarijns madamen en babbado ontfangen hebbende, heeft mij g'ordineert uEdele daar op te antwoorden, dat zijn welEdele groot Agtb=r dierwegens naar Crangenoor schrijven zal, god bewaar u wel Edele, onderstond woorde translatie, Cochim dato als boven /:was geteekent:/ S: V: Jongeren gesw: translateur„ Den 30 D=o Woensdag vaardigde zijn wel Edele Groot Agtb: of een ola aan den koning van trevencoor inhoudende deliantie over de slegte leverantie van de peeper als hier onder Consteert Concept ola door den wel Edelen groot Agtb=r Heer Adriaan Moens Raad Extra ordinair van Nederland Jndia mitsgaders gouverneur en Derecteur der Custe Mallabaar Canam en wingurla, aan den koning van Van Nederlands Jndia mitsgaders gouverneur en Derecteur der Custe mallabaar „ Canara en Wringurla aan den paljetter Geschrn. den 22 aug:s 17751/5 U Hoogheijds twee olaas zijn bij mij ontfangen, en volgens den inhoud der eene, hebbe ik de bewusten moor die slaaven gestoolen had, ten eersten aan „thanda mallen afgegeven; en schoon er thans hier weijnig Ropijen in voorraad zijn, zoo zal ik egter, op Uw hoogt versoek, bij de andere brief vermeld ten Eersten Ropias laaten opwoisselen teegen Ducaten of ander goud geld, in hoop dat ik binnen korten de gerequireerde 50'000 Rop:s zal ongewesseld krijgen, om uw Hoogh=t van mijn zijde zoo veel moogelijk zij, in alles genoegen te geeven, dog ik wenste wel dat Uw Hoogh=t van zijn zijde ook altoos zoo gereed woilde zijn, om de Comp: genoegen te geeven, waar van ik tot mijn leedweezen in mijn bestier hoe langer hoe meer het Contrarie ondervinde en dat wel omtrent het aangelegenste articul van het Contract ik meene de peeper, waar over ik nu alzoo meenigmaal te vergeefs gedoleert hebbe, gelijk ik mij nu alweeder ten uijtersten moet beklaagen, over de geringe peeper leverantie deeses Jaars, vlak strijdig tegen Uw hoogh=t zoo duure gedaane belofte, dat er geen Corl: peeper uijt UHHoog=s land zoude gaan voor dat de gecontracteerde quantiteijd eerst aan de Comp: zou geleevert zijn geworden Tresencoor geschr: den 30 aug=s A:o 1775 trevenCoor Schoon Ao 1775 Ao 1775
English
147. In the City of Cochim The 30th of August. The 30th of August. In the City of Cochim Although Ananda Mallen has made all kinds of excuses and exceptions on this matter on behalf of Your Highness, and has once again tried to make me believe that the poor harvest is the cause of that meager pepper delivery, with which they have stalled me now for five consecutive years, just as if I did not know where Your Highness's pepper went, indeed as if I did not know that even if it had effectively been a poor harvest for a single time, there is still twice as much pepper left over as the Company requires. Meanwhile, it is enough for me that I have repeatedly discussed this with Your Highness, and especially recently have so seriously warned and advised you to comply with the contract in this regard, and to fail in it no longer, since such cannot lead to any good result. Thus Your Highness will not be able to cast the blame upon me that I have not sincerely warned and advised Your Highness as a friend to give the Company greater satisfaction in this regard. And because I know that Your Highness privately holds very great affection for me, I find myself obliged to advise Your Highness once again in the most cordial and friendly manner to fail no longer regarding the pepper. Thus I hope that Your Highness will yet give orders that the missing pepper be fulfilled, so that I might still quickly notify Batavia of it, the more so because having written to Batavia recently, I was obliged according to custom to report how much pepper had only been delivered up to that time, although I added that I nevertheless still had hopes for more. Yet the High Government at Batavia knows as well as we do here when the pepper delivery begins and ends, and therefore, seeing that so little was delivered by then, will also not easily believe that in the meantime anything substantial has been added. Consequently, I cannot advise Your Highness enough to see to it that the missing pepper is delivered promptly. And if this occurs, I promise Your Highness that I will communicate it at once to Batavia, as I on my part am heartily inclined to make the close friendship between Your Highness and the Company increase more and more. Underneath stood: for the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. V. Jongeren, sworn translator. The 4th of September, Monday. His Right Honourable received an ola from the King of Cranganoor reporting the notice of the retreat of the Chavacatty Moors and the plundering of a certain weaver's house on the sandy island, as can be read below. Translation of the ola written by the King of Cranganoor to the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Wingurla, received the 4th of September, Anno 1775: Anno 1775. 149. In the City of Cochim The 9th of September. The 4th of September. In the City of Cochim Ditto, the 9th. We hear from all sides that at Chavacattij, a number of 60 armed Moors stand ready to make an incursion into this land, and that for this purpose some vessels have been prepared. On the sandy land at the house of a certain weaver, some Moors and weavers arrived and tied up the master of the house, plundered everything that was in the house and took it with them. On which occasion some people of the land, hearing this, rushed thither, whereupon the thieves shot at them. Upon witnessing these acts of violence and hearing these bad rumors, we are very fearful. We also hear that the weavers and Moors residing at Coodaparambo maintain great correspondence with the thieves. The Moor Af [illegible], resident at Madilagam, took from us three pieces of land situated on Coodaparambo for maintenance, of which he has not paid us a single doit to this day. We have ordered him to return the olas of those gardens, but he is stubborn and impertinent in this regard. Therefore we request Your Right Honourable to issue an order that his houses built on Caddaparambo may be demolished and the olas of those gardens returned. We have made all these matters known to the Resident of Cranganoor, requesting Your Right Honourable to issue all the necessary orders concerning the same. Signed by the King of Cranganoor. Underneath stood: for the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. V. Jongeren, sworn translator. Saturday, a letter was delivered here from the Sultan of the Maldive Islands, Mahamet Escander Hassedier, addressed to His Right Honourable, as can be read below. Translation of the Arabic letter written by the Sultan of the Maldive Islands, Mahamet Essander Hasseden, to the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Wingurla, received the 9th of September, Anno 1775: We are now sending a vessel thither under the supervision of the Nakhoda Malemij, and request Your Right Honourable to offer him a helping hand in his trade, and to send him back with the utmost speed. Furthermore, we make known to Your Right Honourable that the force of Adaragie has arrived here and committed some violent acts in our land. Yet we will submit to no one, but solely to Your Right Honourable. Anno 1775. Anno 1775.
Dutch transcription
147. Jn de Stad Cochim Den 30 Aug=s. Den 30 Augs. Jn de Stad Cochim Schoon Ananda mallen mij van weegens UHHoogh=:t allerleij Exlusen en Excepties daar over gemaakt, en mij alweeder heeft willen doen gelooven dat het slegt gewas de oorzaak van die geringe peeper leverantie is, waar meede men mij na al vijf Jaaren agter Elkanderen heeft opgehouden, Even of ik niet wist waar UHHoogh=ts peper bleef Ja als of ik niet wist, dat al was het Effecteef eens voor een enkelde keer een slegt gewas geweest; er dan nog wel eens zoo veel peeper overschiet als de Comp: hebben moet het is mij intussen genoeg, dat ik UHoogh=t daar over telkens onderhouden, en voornamentlijk nog onlangs zoo serieus„ „lijk gewaarschouwd en geraaden hebben, om tog ten deezen opzigte aan het Contract te voldoen, en niet meer daar aan te laaten manqueeren, alzoo zulles van geen goed gevolg kan zijn, en dus zal wwCooght de schuld op mij niet kunen werpen, dat ik U Hoogh=t niet als een vriend opregtelijk gewaarschout en geraaden hebben, om de Comp: in dit opzigt meer genoegen te geeven, en dewijl ik weet dat UHoogh=t in het particulier zeer veel genegentheijd voor mij heeft, zoo vinde ik mij verpligt U Hoogh=t nog „maals op de allerhertelijkste en vriendelijkste wijze te raaden om tog omtrent de peeper niet langer meer in gebreeken te blijven, dus hoope ik dat Uw Hoogh=t als nog order zal geeven, dat de manqueerende peeper Den 4 7ber: Maandag ontfing zijn. wel Edele groot Agtb=r een ola= van de koning van Cranganoor bekentmakende de notitie van den aftogt der Characattijse mooren en het spaljeeren van zeekers weevers huijs op het zandig Eyland als hier onder te leezen is Translaat ola door den koning van voldaan wierde op dat ik nog schielijk na Batavia daar van zoude kunnen kennis geeven, te meer om dat nu onlangs na Batavia schrijvende, toen na gewoonte heb moeten kennis geeven, hoe veel peeper er toen nog maar geleverd was, schoon ik er bijgevoegd hebbe, dat ik egter nog hoope op meer had dog de hooge Reegering te Batavia, weet zoo goed als wij hier, wanneer de peeper leverantie begind en eijndigt, en zal dus, ziende dat er toen nog maar zoo weijnig geleverd is; ook niet ligt gelooven dat er intussen van belang meer bij gekoomen zal zijn, en derhalven kan ik u Hoogh=t niet genoeg raaden om nog te maaken dat de manqueren „de peeper spoedig geleeverd woorden, en als zulks geschied beloove ik UHoogh=t dat ten eersten na Batavia te zullen bedeelen, alzoo ik aan mijne zijde van harten geneegen ben om de naauwe vriendschap tussen UHoogh=t en de Comp: meer en meer te doen toe neemen /:onderstond:/ voorde translatie, Cochim dato als booven, /:was geteekend:/ S: V: Jongeren gesw: translateur voldaan Cranganoor A=o 1775; Ao 1775 149 Jn de stad Cochim Den 97ber: Den 47ber: In de Stad Cochim D:o 9 _=o Wij hooren van alle kanten dat op Chavacattij, een getal van 60' gewaapende, mooren klaar staan om een inval hier in het land te doen, en dat ten dien fine eenige vaartuijgen zijn in gereeshig gebragt, op het zandig land ten huijze van zeeker weever, zijn eenige mooren en weevers gekoomen, en hebben de ma van het huijs vastgemaakt, en alles wat in huijs was gepr „jeert en mede genoomen, bij welke gelegendheijd eenige menschen van het land zulx hoorende, zijn daar na toegegra als wanneer de dieven op haar geschooten hebben, op het aanschouwen van die fegtelijkheeden, en het hooren van die kwade gerugten zijn wij zeer bevreest, ook hooren va dat de weevers en mooren, woonagtig op Coodaparambo met de dieven groote Corespondentie houden, den moor Af inwoonder op Madilagam; heeft van ons drie stuks luijg „gelegen „op Coddaparambo tot onderhoud genoomen waar van hij nog toe geen duijt aan ons betaalt heeft, wij hebben hem aangezegt om de olas van die thuijnen wederom geven, maar hij is daar toe koppig en inpertinent Translaat arabise brief door den sultan der maldivese Eylanden mahamet Essander Hasseden geschrz: aan den wel Edelen Gr=te Agtb=r Heer Adriaan moens Raad Extra ordinair van Nederlands Jndia, mitsgaders gouverneur en Derecteur der Custe mallabaar Canara en Wingarla, ontf: den 9 7ber: A=o 1775 Wij senden thans een vaartuijg naar derwaarts onder opsigt van den Nachoda malemij, en versoeke uwel Edele groot Agtb=r hem de behulpsame hand te bieden in zijne negotie, en ten spoedigsten te rug te zenden, wijders maaken uwel Edele g=t Agtb=r bekent, dat de magt van adaragie hier gekomen is, en eenige geweldadigheeden in ons land gepleegt heeft, dog wij sullen ons aan niemand onderwerpen, als alleen aan Uwel Edele g=t Agtbr Saterdag wierd hier aangebragt een brief van den sultan der maldivise Eijlanden Mahamet Escander Hassedier aan zijn Wel Edele Gr=t Agtb=r gerigt, als hier beneden kan gelesen worden, daarom versoeke wij uwel Edele. Groot Agtb=re order te stellen. dat zijne huijzen op Caddaparambo gebout mogen vreggebrooken en de olas van die thuijnen te rug gegeven worden wij hebben alle deese zaaken aan den Resident van Cranganoor bekent gemaakt, versoekende UwelEdele groot Agtb=r op alle dezelve vereijschte order te stellen /:get:/ bij den koning van Crangenoor /onderstont/ voor de translatie, Cochim dato als booven /:was get:/: S: V: longe„ „ven gesw: translateur, Cranganoor geschirz: aan den wel Edelen Groot. Agtbr. Heer Adriaan Moens Raad Extra ordinair van Nederlands Jndia, mitsgaders Gouverneur en Denac„ teur der Custe mallabaar Canara en Win„ gurla ontf: den 4 7ber: anno 1775; daarom Wiens A=o 1775; A=o 1775,
English
The 9th of December in the City of Cochim. The 21st of October in the City of Cochim. The 2nd of the 12th. The 21st of the 1st. whose favor we hereby implore. In the margin stood the seal of the sultan pressed in black ink. Below stood: for the translation according to the reading and explanation of the aforesaid Mahamet, Cochim, date as above. Was signed: S: v: Tongeren, sworn translator. Tuesday, His Right Honourable the Governor wrote an answer to the letter of the said sultan, reading as follows: Draft Arabic letter written by the Right Honourable Adrian Moens, Extraordinary Councillor of Netherlands India, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Wingurla, to the sultan of the Maldive Islands, Mahamet Escander Hasseden, the 12th of September, Year 1775. By the Nachoda Malemij I have received Your Highness's most respected letter, and in accordance with Your Highness's request, I have caused all assistance to be rendered to him, the nachoda, both for the conducting of his trade and for his speedy return voyage. Meanwhile, I thank Your Highness for what has been communicated regarding Adanap, and I hope that in the future Your Highness will be left in peace by the Moor Zeijdoe Mahomet. Below stood: translated thus by me, Jaht Malakas, Cochin, date as above. Was signed: S: v: Tongeren, sworn translator. Thursday, Ananda Mallen arrived with a letter from His Highness addressed to the Right Honourable Governor, which, having been translated, was found to be of the following content: Translation of an ola written by the King of Travancore to the Right Honourable Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of Netherlands India, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Voongurla, received the 21st of September, Year 1775: Right Honourable, We have received, read, and understood the contents of Your Right Honourable's letter. It has been very pleasing and agreeable to us that Your Right Honourable handed over the Moor in question, who had stolen slaves, to Ananda Mallen. We expect that Your Right Honourable, in accordance with our request made, will also be pleased to disburse the sum of 50,000 Rupees under proper receipt to Ananda Mallen. We do our utmost to deliver the stipulated pepper annually to the Honourable Company, but the crop failure and drought that occurred this year will be well known to Your Right Honourable. It therefore pains us greatly that Your Right Honourable should write to us in such a manner concerning that matter. We used to receive ten pepper passes annually and upon these have the pepper transported by merchants. But due to crop failure and the fear that the Honourable Company would not obtain enough pepper, we did not demand so many passes, as Your Right Honourable knows very well. We hope that Your Right Honourable will have the goodness to provide true information regarding this matter to the High Government at Batavia, and at the same time use your utmost endeavors to cause the friendship between the kingdom and the Honourable Company to increase and grow. We have written anew to our ragidoors and ordered them to watch closely against the smuggling of pepper, and to ensure that all the pepper of this year is delivered to the Honourable Company. Your Right Honourable is fully convinced of our conduct, that we have never been negligent in matters concerning the Honourable Company. Written by Balia Melesetta Caneca Ananja Peromaal, and signed by His Highness. Below stood: for the translation, Cochim, date as above. Was signed: Simon van Tongeren, sworn translator. The 23rd of the same, Saturday, His Right Honourable received an ola from the new King of Cochim, communicating the death of his brother, as can be read below: Translation of an ola written by the new King of Cochim to the Right Honourable Adrian Moens, Extraordinary Councillor of Netherlands India, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Voingurla, received the 23rd of September, Year 1775: On the 9th of the month of Canij, or the 22nd current, on Friday evening, under the constellation of Sagittarius, our brother passed away. Not signed. The 27th of the same, Wednesday, there was brought here an ola from the King of Repolim addressed to the Right Honourable Governor, complaining about the unwillingness of the Christians in the payment of their lease monies, as appears below: Translation of an ola written by the King of Repolim to the Right Honourable Adrian Moens, Extraordinary Councillor of Netherlands India, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Wringurla, received the 27th of September, Year 1775: In the land of Cabloer we have leased some gardens and lands to the Christians, and whereas they do not properly pay the lease monies thereof annually and do not execute the renewal of the olas in due time, we have had the lands seized. But they pay little heed to those seizures and still remain very stubborn in the payment of the lease monies. Therefore, we request Your Right Honourable to send a person hither to constrain those defaulting Christians to the payment of those lease monies and the renewal of the olas. Signed by His Highness. Below stood: for the translation, Cochim, date as above. Was signed: S: V: Tongeren, sworn translator. The 1st of October, Sunday, His Right Honourable received an Arabic letter from the Sultan of Maskatte named Ahamet Bensaide, reading as follows: Translation of an Arabic letter written by the Sultan of Maskattij named Ahamet Bensaide to the Right Honourable Adrian Moens, Extraordinary Councillor of Netherlands India, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Wingurla, received the 1st of October, Year 1775:
Dutch transcription
151 Den 9 xber: Jn de Stad Cochim Den 21 8ber: Jn de Stad Cochim 2=o 12 _:o L=o. 21 _=o wiens gunst wij bij deezen Jnploeeren, in margine stond het zeegel van den sultan in swart Jnkt gedrukt /:onderstond voor de translatie volgens leezingen verstaan geving„ van de voorseijde mahamet, Cochim dato als booven /:was get:/ S: v: tongeren geswoore translateur Dingsdag schreef zijn wlEdele groot Agtbr een antwoord op de bo van gem: sultan luijdende aldus Concept arabile brief door den wolhEdelen gerf Heer Adriaan Moens Raad Extra ordinai van Nederlans Jndia, mitsgaders gouvern en Derecteur der Custe mallabaar Canara en Wingurla geschr: aan den sultan de maldivese Eijlanden Mahamet Escander Hasseden den 12 Sept=r A=o 1775 Per der Nachoda Malemij heb ik ontvangen Uw Hoogh=t. zeer gerespecteerde brief, en volgens Uw Hoogh=t versoek alle hul aan hem nachoda laaten bewijsen, zoo tot het doen zijner negotie, als tot zijn spoedige te rugreijze, intusse bedanke ik uwe Hoogh=t voor het bedeelde wegens adanap en ik hoop dat hy in den aanstaande uw Hlogh=t met rust zal va den moor Zeijdoe Mahomet /:onderstond :/ zoodanig door mij Jaht malakas overgezet, Cochin dato als boven /:was get:/ s: v: tongeren gesw: translateur, Donderdag kewam ananda mallen met een brief van zijn ma gerigt aan zijn Wel Edele Groot Agtb=r dewelke overgezet zijnde bevond van de volgende inhoud te zijn; Translaat ola door den koning van tren geschreeven aan den UwelEdele Groot Agtb=re brief hebben wij ontvangen geleezen en dies inhoud verstaan, het is ons zeer lief en aangenaam geweest, dat Uwel Edele Groot Agtb=r de bewuste moor die slaven gestoolen had, aan Ananda mallen had overgegeven, wij verwagter dat Uwel Edele Groot Agtb=r volgens ons gedaan versoek de somma van 50000, Rop:s onder behoorlijke quitantie ook aan Ananda mallen zal gelieven te verstrekken, wij doen ons uijter„ „ste best om de bedongene peeper Jaarlijks aan DE Comp: te leveren, maar het misgewas, en droogte dat van dit Jaar geweest is, zal Uwel Edele Groot Agtb=r voel bekent weesen, daarom smert het ons zeer dat uwel Edele groot Agtb=r over die materie soodanig aan ons komt te schrijven, wij plagten Jaarlijks tien peeper passen te kremen en daar op. — door de WelEdele Groot Agtb= Heer Adriaan Moens Raad Extra Ordinair van Nederlands Jndia, mitsgaders Gouverneur en Derecteur der Custe mallabaar Canara en Voongurla ontf: den 21 7ber: A=o 1775; WelEdele koopl: Ao 1775 Ao 1775 Ns. 153 Den 21:e 7ber: Jn de stad Cochim Den 23:en 7br: Jn de Stad Cochim d:o 27=e 7ber: Kooplieden de Peeper te laaten vervoeren, maar door misgewas en vreeze dat de E: Comp: geen peper genoeg zoude krijgen, hebben wij zoo veel passen niet geeijscht, gelijk uwelEdele Groot Agtb=r sulks zeer wel weet, wij verhoopen dat U wel Edele Groot Agtb=r de goedheijd sal gelieven te hebben, een waare Jnformatie van deese zaak, aan de hooge Regering te Batavia te doen, en teffens desselvs uijterste pooginge aan te wenden, om de vriendschap tussen het rijk en de E: Comp: te doen aangroejen, en toeneemen, wij hebben de novo aan onse Ragidoors geschr: en geordonneert om op de sluij„ „kereij van de peeper wel te passen, en te besorgen dat van dit Jaar alle de peeper aan de E Comp: gelevert word, Uwel Edele groot Agtb=r is volko¬ „men overtuijgt van ons gedrag, dat wij nooijt naalatig zijn geweest, in zaaken die de E Comp: aangaan, geschr: bij balia melesetta Caneca ananja peromaal, en getx: bij zijn Hoogheijd /:onderstond:/ voor de translatie, Cochim dato als booven /:was geteekend:/ Simon van Jongeren geswoore translateur d„o 23=ten d„o Saterdag ontfing zijn wel Edele Groot Agtb: Woensdag is alhier aangebragt een ola van den koning van Repolim, aan zijn wel Edele Den 9' van de maand Canij, ofte den 22=te Courant des vrijdags avonds, onder het gesternte Zagitarius is onse broeder overleden /:niet geteekent:/ Translaat ola, door den Miuwen koning van Cochim, geschr: aan den wel Edelen Groot Agtb=r Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van Nederlands Jndia, mitsga„ „ders Gouverneur en Derecteur der Custe mallabaar Canara en voingurla, Ontf: den 23: 7ber: Ao: 1775; Een ola van den nieuwen koning van Cochim Communiceerende het sterf geval van desselvs broeder, als hier beneeden kan geleesen worden; een groot Ao 1775, A=o 1775 Ao. 1775 155 Den 27 ber: In de Stad Cochijm Den 27:e 8berj Jn de Stad Cochim Groot Agtb=r gerigt, klagende over de onwilligheijd van de Christenen in de beelaating van hunne pagt penn: als hier onder Consteert Translaat ola door den koning van Repolim geschr: aan den Wel Edelen Groot Agtbr Heer Adriaan Moens: Raad Extra Ordinair van Nederlands, Jndia, mitsgaders Gouverneur en Derecteur der Custe Malla= „baar, Canara en Wringurla ontf: den 27 7ber: A=o 1775; Jn het land Cabloer hebben wij eenige thuijnen en Landereijen aan de Christenen in pagt gegeven en dewijl zij de pagtpenn: daar van Jaarlijks na behooren niet opbrengen, en de verschrijving der olas op zijn tijd niet doen, hebben vrij de landerijen „maar zij stooren zig weijnig aan die arresten laaten arresteeren„ en blijven als nog zeer koppig in de betaaling van de pagtpenn: dierhalven Den 1:en 8ber: Sondag ontfing zijn wel Edele Groot Agtb=r een Arabise brief van den sultan van Maskatte gen=t Ahamet Bensaide luijdende aldus Translaat Arabise brief door den sultan van Maskattij gen=t Ahamet Bensaide geschr: aan den Wll Edelen Groot Agtb=r Heer Adriaan Moens Raad Extra Ordinair van Nederlands Jndia mitsgaders Gouverneur en Derecteur der Custe Malla„ baar Canara. en Wingurla ontf: den 1ste 8ber: Anno 1775; versoeke wij Uwel Edele Groot Agtb=r een perzon herwaarts te senden, om die wanbetalinge. — Christenen te Constringeeren tot de voldoening van die pagt penn:, ende verschrijving der olas /:geteekend :/ bij zijn hoogheid; onderstond voor de translatie, Cochim dato als booven; /:was getee„ „kend :/ S: V: Jongeren geswoore translateur versoeke UwelEdele Ao. 1775
English
157 The 1st of October in the City of Cochin, the Year 1775, Thursday The 2nd of October in the City of Cochin, the Year 1775, Monday We have received Your Right Honourable letter and have seen from it with great pleasure the good health of Your Right Honourable. We are very much obliged for the gift that Your Right Honourable has sent us. We request Your Right Honourable to show the captain of our ship named Choksalem bansaid all assistance, as Your Right Honourable has done, and at the same time to show all possible aid to dispatch this ship hither as promptly as possible; and if Your Right Honourable has made any advance provisions to the same, we shall reimburse Your Right Honourable in all gratitude. We also request Your Right Honourable to maintain a good friendship with us through regular correspondence; if there is anything here to Your Right Honourable's service, please let us know. In the heading stood the seal of the Sultan. Below was written: For the translation, according to the reading and understanding of the Jew Sijm Gabaij. Was signed: S: V: Jongeveen, sworn Translator. We request that Your Right Honourable please have the goodness, upon presentation of this, to disburse a sum of 5000: Rupees to Anande mallen under proper receipt, and to settle that amount with the pepper deliveries. Written in the Year of Kollam 951, the 15th of the month of Kanni, or the Year 1775 the 25th of September, by balliamelsetta Canasca ananja Peroemaal; and signed by His Highness. Below was written: For the translation, Cochin, date as above. Was signed: S: v: Jongeveen, sworn translator. Translation of an ola written by the King of Travancore to the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies as well as Governor and Director of the Malabar Coast, Canara and Vingurla; received the 2nd of October in the Year 1775. Monday His Right Honourable received a letter from the King of Travancore requesting to provide 5000: Rupees to Anande mallen under proper receipt, as can be read below. 159 The 12th of October in the City of Cochin, the Year 1775, Monday The 23rd of October in the City of Cochin, the Year 1775, Monday Thursday there arrived within this city a certain minister of the Nawab Mahamet Alij named Mahamet Omerkan, who, having been introduced to His Right Honourable, declared that he had been sent hither by his master to execute certain commissions; and as he had come close to the city, he deemed it his duty to see His Right Honourable and to pay compliments on behalf of his master, since upon his return journey an account of the compliments he had received from His Right Honourable would give his master great pleasure. His Right Honourable thanked him for that attentiveness and said that upon his arrival before his master the Nawab Mahamet Alij, he should convey His Right Honourable's compliments and assure him that His Right Honourable would very gladly be of service if there was anything in these parts for His Highness's service, for which he warmly thanked His Right Honourable on behalf of his master, and subsequently, having held a short and indifferent conversation, he departed outside again. Monday there arrived within this city the Sarvadhikaryakkar of the King of Travancore named Coemara Chembaga-Rama-poela, bringing an ola from his master addressed to His Right Honourable; and after its delivery, the paying of compliments on behalf of His Highness of Travancore, and inquiring after mutual health, the said Sarvadhikaryakkar stated that he had a commission from his master to go to the northern lands to inspect the fortifications, to put everything in good order, and in passing to visit and speak with His Right Honourable. This consisted of a repetition of what had occurred last year in the Cranganore region, with the request that the Governor, in case the Nawab's troops should again attempt something similar, would guard against it. To which His Right Honourable replied to the Sarvadhikaryakkar that regarding this matter His Right Honourable had already written by ola to His Highness of Travancore, to the contents of which His Right Honourable referred, it
Dutch transcription
157 Den 1=e 8ber: Jmn de Stad Cochim Den 28ber: Jon de Stad Cochim Uwel Edele Groot Agtbaare brief hebben wij ontfangen en met veel genoegen daar uijt gesien, den goeden weltden van UwelEdele Groot Agtb=r, wij sijn seer verpligt voor het geschenk dat Uwel Edele groot Agtb:r ons gesonden heeft, wij versoeken Uwel Edele groot Agtb=r het hoofd van ons schip genaamt Choksalem bansaid alle adsistentie te bewijsen, zoo als uwel Edele Groot Agtb= gedaan heeft, en teffens alle mogelijke adjude te bewijsen om dit schip ter spoedigsten dit heen te senden, en zoo uwel Edele groot Agtb=r aan deselve eenige voor uijt verstrekking gedaan heeft, zullen wij uwel Edele groot Agtb:r in alle dankbaarheyd voldoen, ook versoeken wij UwelEdele Groot Agtb=r met ons een goede vriendschap te Conserveeren door een gestadige brief twisseling, hier iets van Uwel Edele Groot Agtb=rs dienst zijnde gelieve ons te laaten weeten; in het hoofd stond het zeegel van den Sultan /:onderstond:/ voor de translatie, volgens leesing en verstaan gering, van den Jood Sijm Gabaij /:was geteekent:/ S: V: Jongeren geswoore Translateur Wij versoeken dat UwelEdele groot Agtb=r de goedheijd gelieven te hebben opzigt deeses een somma van 5000: Rop=s aan Anande mallen, onder behoorlijke quitantie afte geven, en dat bedraagen met de peeper leverantie te vereffen; geschreven in het Jaar Coijlan 951; den 15 van de maand Janij, ofte A=o 1775 den 25: 7ber:, bij balliamelsetta Canasca ananja Peroemaal; /: en geteekend bij zijn Hogh=t /:onderstond:/ voor de translatie, Cochim dato als boven /:was getz:/ S: v: Jongeven, gesw: translateur Translaat ola door den koning van Grevenscoor geschr: aan den wel Edelen Groot Agtb=r Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van Nederlands Jndia mitsgaders Gouverneur en Derecteur der Custe mallabaar Canara en Wingurla; ontf: den 2 8ber: A=o 1775; Maandag ontfing zijn wel Edele Groot Agtb=r een brief van den Coning van Trevenscoor versoeken om aan Anande mallen, 5000: Rop=s onder behoorlijke quitantie te verstrekken gelijk hier onder te leezen is; Maandag donderdag A:o 1775 A:o 1775 E 159. Den 12 Eber: Jn de Stud Cochim Den 23 8ber: Jn de Stad Cochim Donderdag kwam binnen deese steede, zeeker menister van den Nabab Mahamet Alij in naame mahamet Omerkan, dewelken bij zijn Wel Edele Groot Agtb=r geintroduceert zijnde, betuijde hij door zijn meester dit heen gezonden te zijn, ter verrigting van zeeker Commissien, en vermits hij digt bij de stad gekomen was, oordeelde het van zijn pligt te weesen, zijn Wel Edele Groot Agtb=r te zien en het Compliment van weegens zijn meester af te leggen alzoo bij zijn te rug reijze een bekentmaking van het Compliment dat hij bij zijn welEdele Groot Agtb=rn gemeet had, zijn meester groot genoegen daar in scheppen zoude zijn wel Edele groot Agtbr bedankte hem voor die Atente en seijde dat hij met zijn aankomst bij desselvs meester den Nabab mahamet alij, 't Compliment aan zijn wel Edele groot Agtb=r wilde maaken en te versehe „ven dat zijn wel Edele groot Agtb=r seer gaarn plibier zoude doen, zoo er aan desen kant iets van zijn hoogst: dienst was, waar voor hij van van weegens zijn meester aan zijn wel Edele groot Agtb=r genegent„ „lijk bedankte, en vervolgens een korte- en onverschillin discours gehouden hebbende, weeder na buijten vertrokken is, Maandag kwam binnen deese steede den Sarwadia CariaCaren van den koning van Grevencoor in naame Coemara Chembaga- Rama- poela, meede brengende een Ola van zijn meester; aan zijn wel Edele Groot Agtb=r gerigt, en naar dies bestelling, en het afleggen van het Compliment, van zijn treven„ Coorse Hoogh=t, en het verneemen van wederseijdse gesondheijd, zeijde gem: sarwadiasCaria Caren, dat hij Commissie van zijn meester had, om naar de noordse landen te gaan, de fortificatie werken te bezigtigen, alles in goede ordre te brengen, en inpassant bij zijn wel Edele groot Agtbr te koomen, en te spreken het geen bestond in een repetitie van het geen or verleede Jaar in het Crangenoorse was voorgevallen, met versoek, dat de gouverneur, en ingevalle s' Nabads troupen weeder zoo iets wilde onderneemen, dog daar tegen waken wilde, waar op zijn wel Edele groot Agtb=r saa vier di Carrialaren ten antwoord diende, dat over die materie zijn wel Edele groot Agtb=r reeds aan zijn trevenscoorse Hoogh=t bij ola had geschreeven, aan welkers inhoud zig gedragende zijn wel Edele Groot Agtb=r maandag het Ao 1775 A=o 1775 ƒ
English
161. The 23rd of October: In the city of Cochim In the city of Cochim The 23rd of October: brought up the article of pepper, and expressed his surprise over the poor delivery of this year at a time when the Honorable Company contributed everything possible to the well-being of His Highness, as was evident from the outcome of affairs, being the important article for which the Honorable Company incurred all those great expenses, and thus the Right Honourable was very apprehensive of the rightful displeasure of the Lords Masters in the fatherland, as well as the High Indian Government at Batavia; the sarwadiacariacaran attempted to excuse that matter by drought and crop failure, etc., whereupon the Right Honourable replied that it was better he did not speak of that, as the Right Honourable knew very well where the pepper remained and how that was being handled, but that he would do well to tell his master to restore that matter with greater care and to ensure that a quantity of pepper be brought within a short time, which he undertook to do without giving further answer, as he seemed to be embarrassed and merely testified that he himself was sorry that so little had been delivered this time; subsequently he took his leave of the Right Honourable and returned outside, the ola brought along reading as follows: The 1st of November, Wednesday, the First Interpreter Van Tongeren, by order of the Right Honourable, wrote an ola to the paliyetter in favor of a certain serang of the wharf, as appears here below: We abide by the contents of our previous letter, and this serves solely as an escort for our Coemara Chembago Rama Poela Sarwadiacariacaran, who is now departing thither to speak with the Right Honourable about some matters. Written by Balie Melesetta Ananja Peroemaal, and signed by His Highness. Below stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. v. Tongeren, sworn translator. Translation of an ola written by the King of Travancore to the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Councillor Extraordinary of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director of the Malabar Coast, Canara, and Vingurla, received the 23rd of October 1775. Translation Draft Anno 1775 Anno 1775 163. The 1st of November: In the city of Cochim The 12th of November: In the city of Cochim Anno 25 Anno It is about 20 years ago that the serang Saking Mahamet bought a piece of sowing fields, measuring five parras, over which in former times the King's due having been claimed, it was stipulated that for every parra one fanam should be paid, as was also delivered; but now the proticaar of the court claims that the said serang will have to pay three-tenths of that land, as well as his fellows for their sowing fields which had already been determined for each parra, and to that end the said proticaar has arrested an old man of the family of the said serang at the court; therefore my illustrious commander, the Right Honourable Lord Governor, has charged me to write this to you and to request that orders be given that the arrested serang be released and the others may suffice with the already determined due, as they are poor and needy people and have no other livelihood than to labor at the Company's wharf. God preserve this. Below stood: Thus translated by me into Malabar, Cochim, date as above. Was signed: S. v. Tongeren, sworn translator. Draft of an ola by order of the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Councillor Extraordinary of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director of the Malabar Coast, Canara, and Vingurla, written to the paliyetter the 1st of November 1775. I have received your ola and seen thereby the grievance of the serang of the wharf; they have represented that matter in that manner, but it is quite different, and in order to make the circumstances thereof understood to you, I have written to the regidor of the court and Roenja Manon; therefore I request that you please give notice thereof to the Right Honourable Lord Governor. Signed by the paliyetter. Below stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. v. Tongeren, sworn translator. Saturday, the current accounts between the Honorable Company and the King of Cochin of the years 1774 and 1775 were confronted with the regidor of the court and signed, which are inserted word for word below; Translation of an ola written by the paliyetter to the First Interpreter Van Tongeren, received the 12th of November anno 1775. Sunday, the First Interpreter Van Tongeren received a reply ola from the paliyetter concerning the matter of the serang, as can be read here below in the translation; Sunday Account Anno 1775 Anno 1775
Dutch transcription
161. den 23 8ber: In de Stad Cochim In de Stad Cochim Den 23 8ber: het articel van de peeper ophaalde, en desselvs verwondering betuijgde over de slegte Leverantie van dit Jaar in een tijd dat de E: Comp: tot welbijn van„ sijn h:t alles Contribueerde wat moogelijk was, gelijk bij de úijtkomst van zaaken bleek, als zijnde het Jmportant arctickil waarom de EComp alle die groote onkosten deed, en dus woas zijn welEdele Groot Agtb=re seer bevreest voor het regtmatig ongenoegen van de heeren masspre in het vaderland, als de hooge Jndiase regeeringe te Batavia; den sarwadia CariaCaren poogde die zaak te verschoonen door dvoogte en misgewas & a waar op zijn welEdele groot Agtb=rn antwoorde dat het beeter wias hij daar van niet en sprak, alzoo zijn wel Edele groot Agtb=r zeer wel wist waar de peeper bleef en hoe dat daar meede omging, maar dat hij wel zoude doen zijn meester te zeggen, om die zaak met meerder zorgvuldigheijd te herstellen en te maaken dat binnen korten een gantiteijd peeper aangebragt werd het geen hij aannam te doen zonder verdere antwoort te geven, alzoo hij scheen verleegen te zijn en eenelijk betuijgde dat het hem selvs speet dat, er ditmaal zoo weijnig geleeverd was vervolgens nam hij afscheijt van zijn wel Edele Gt: Agtb=r en keerde weder na buijten luijdende de mede gebragte ola aldus, Den 1=e Nov=r Woensdag schreef den Eerste tolk van tongeren ter order van zijn wel Edele G=t Agtb=r een ola aan den paljetter ten faveure van zeeker Javang van de werff als hier beneden Consteert, Wij gedraagen ons aan den inhoud van onse vorige brief en deese dient eenelijk ten geleijde van onse Coemara Chembago Rama poela sarwa„ dijacariacaran die thans naar derwaarts vertrekt om met Uwel Edele Groot Agtb=r over eenige zalken te spreeken, geschr: bij balie melesetta ananja peroemaal, en get: bij zijn Hoogh=t /:onderstond:/ voor de translatie Cochim dato als booven /:was geteekent:/ S: v: Jongeren gesw: translateur; Translaat ola door den koning van Trevencoor Geschr: aan den WelEdelen Groot Agtb=r Heer Adriaan Moens Raad Extra ordinair van Nederlands Jndia mitsgaders gouverneur en Derecteur der Custe mallabaar Canara en Wingur „la ontf: den 23 8ber: 1775 Translaat Concept A=o 1775 A=o 1775 163 Den 1=te 9ber: Jn de stad Cochim Den 12 9ber: Jn de Stad Cochim _=o 25 _=o Het is ontrent 20 Jaar geleeden dat den Jarang Saking maha met een stuk saayvelden gekogt heeft, groot vijf pars„ waar over in voorige tijd s' konings geregtigheijd gepretendeert zijnde, is bepaald dat voor ieder parvas een fanum zoude betaald werden, gelijk ook opgebragt is geworden, maar nu pretendeert den proticaar van het hof dat gem: Sarang zal moeten betaalen 3 ten 10 van dat land, maar ook zijne makkers van hunne zaaijvelden dier Reets op ieder parr=s bepaald was, en ten dien fine heeft gem: proticaan een oude man van de famielje van gem: savang aan het hof gearresteerd; derhalven heeft mijn Jllustre opper„ „gebieder den wel Edelen Groot Agtb=r Heer gouverneur mij belast deese aan uwEd: te schrijven en te versoeken order te stellen dat den gearresteerden sarang losgelaaten en de overige volstaan mogen met de reeds bepaalde geregtighi wijl zij arme en behoeftige menschen zijn; en geen ander brood winning hebben, als aan s' Comp=s werfte arbeijden god bew: dit /:onderstond:/ zoodanig door mij in het mallabaars overgezet, Cocha dato als boven /: was get:/ S: v: tongeven, gesw: translateur Concept ola ter order van den woel delen groot Agtbr Heer Adriaan Moons Raad Extra ordinair van Nederlands Jnhr mitsg: Gouverneur en Derecteur der Caste mallabaar Canava en wingurla van den paljelter geschitt den 1=te 9ber: 1775 UEd ola heb ik ontfangen en daar bij gesien de beswaernis„ se van de sarang van de werf zij hebben die zaak in diervoegen te kennen gegeven, maar het is gants anders en om de omstandigheeden daar van aan UwelEd: te verstaan te geven heb ik aan de Ragiadoor van het Hof en roenja manon geschreeven dierhal„ „ven versoeken UEd: daar kennisse van aan den voel Groot Agtb=r Heer Gouverneur gelieven te geeven. /:getee„ „kend:/ bij den paljetter /:onderstond:/ voor de translatie Cochim dato als booven /:was geteekend:/ S: v: Hongeren gesw: translateur, Saterdag zijn de loopende reekenings tussen de E Comp: en den koning van Cochim:s van A=o 1774 en 1775. met de Ragiadoo„ van het hof geconfronteert, en geteekend dewelke van woord tot woord hier onder g'infereerd woerd; Translaat ola door den paljetter aan den Eerste tolk van tongeren geschr: ontf: den 12 9ber anno 1775 Sondag ontfing den Eersten tolk van IJongeven een antw: ola van den paljatter vakende de zaak van de sarang gelijk hiert onder bij het translaat te leezen is; Sondag Reekening Ao. 1775 A:o: 1775
English
165 Current Account of the King of Cochin 1774 Debit The 10th February: Provided to His Highness according to the decision of the mentioned date: Rupees 1000:— ƒ 1200:—:— As of the last day of August: To the Canarese Narna, being the half-wages of 42 3/80 Rupees per month, amounting over 12 months to: Rupees 28:36 ƒ 34:10:— The allowance granted in the year 1711 to the Diaconate poor as a gift: Rupees 16:— ƒ 19:4:— The dues from the mortgaged lands for the year 1773/4, namely: 7747 Cochin fanams calculated at 20 per Rupee: Rupees 387:17 1735 Cochin parras of paddy at 7/8 Rupees per parra: Rupees 649:— Amounting to: Rupees 1031:17 ƒ 1297:12:8 According to the Resolution of the 15th April 1772, to be retained annually from the customs due to His Highness, for the settlement of war expenses: Rupees 1500:— ƒ 1800:—:— For the balance of this account, which on this day on behalf of His Highness was counted into the Company's main treasury: Rupees 576:5 ƒ 691:6:8 Total: Rupees 2626:5 ƒ 3151:8:8 Credit The last day of August: By the revenues of Cochin for the dues of His Highness in the customs duties of import and export taxes of all large and small vessels and lesser sloops and craft, none excepted, farmed out for 24100 Rupees, of which comes for his rightful half herein: Rupees 12050:— ƒ 14460:—:— Total: Rupees 12050:— ƒ 14460:—:— Cochim, the last day of August Anno 1774 Signed by the Regidors Narna Menon, Coenja Poela Menon, and Colatoevan Poela 165 Current Account of the King of Cochin 1774 Debit The 10th February: Provided to His Highness according to the decision of the mentioned date: Rupees 1000:— ƒ 1200:—:— As of the last day of August: To the Canarese Narna, being the half-wages of 42 3/8 Rupees per month, amounting over 12 months to: Rupees 28:36 ƒ 34:10:— The allowance granted in the year 1711 to the Diaconate poor as a gift: Rupees 16:— ƒ 19:4:— The dues from the mortgaged lands for the year 1773/4, namely: 7747 Cochin fanams calculated at 20 per Rupee: Rupees 387:17 1735 Cochin parras of paddy at 7/8 Rupees per parra: Rupees 649:— Amounting to: Rupees 1031:17 ƒ 1297:12:8 According to the Resolution of the 15th April 1772, to be retained annually from the customs due to His Highness, for the settlement of war expenses: Rupees 1500:— ƒ 1800:—:— For the balance of this account, which on this day on behalf of His Highness was counted into the Company's main treasury: Rupees 576:5 ƒ 691:6:8 Total: Rupees 2626:5 ƒ 3151:8:8 Credit The last day of August: By the revenues of Cochin for the dues of His Highness in the customs duties of import and export taxes of all large and small vessels and lesser sloops and craft, none excepted, farmed out for 24100 Rupees, of which comes for his rightful half herein: Rupees 12050:— ƒ 14460:—:— Total: Rupees 12050:— ƒ 14460:—:— Cochim, the last day of August Anno 1774 Signed by the Regidors Narna Menon, Coenja Poela Menon, and Colatoevan Poela The King of Cochin The 28th November 1775 In the City of Cochim Debit As of the last day of August: To the Canarese Narna for the half-wages: Rupees 28:36 ƒ 34:10:— The allowance to the Diaconate poor: Rupees 16:— ƒ 19:4:— The dues from the mortgaged lands of Palij and Narika for the book year 1774/5: Rupees 1083:15 ƒ 1297:12:8 According to Resolutions of the 15th April 1772, reduction of the war expenses: Rupees 1500:— ƒ 1800:—:— The balance of this account, which His Highness was entitled to above and was paid to him today: Rupees 9473:— ƒ 11368:13:8 Total: Rupees 12100:— ƒ 14520:—:— Credit The last day of August: For the dues of His Highness in the customs duties of export taxes: Rupees 12100:— ƒ 14520:—:— Total: Rupees 12100:— ƒ 14520:—:— Cochim, the last day of August Anno 1775 Signed by the Regidors Narana Menon, Coenja Poela Menon, and Colatoevan Poela 167 Translation of the ola written by the Namboodiri Chomaderij to the First Interpreter van Tongeren, received the 28th November Anno 1775; Tuesday the First Interpreter van Tongeren received an ola from the Namboodiri Chomaderij to make its contents known to His Right Honourable, and to request that an order might be sent to Chettua for obtaining certain dues belonging to him from the village of Paijnoer, in the manner as appears below; In the land of Paijencherij lies a village named Paijnoor, from which the right belongs to me of 3/4 of the crop, and since a dispute has arisen between the three families of Paijencherij Nairs concerning the paddy of a certain dam situated in the mentioned village, Paijencherij Panangattij Nair has produced certain evidence whereby it was determined that the aforementioned sowing fields should remain with him, the Nair, just as this continued with the prior knowledge of the High Government until the year 1770, and I enjoyed my dues; nevertheless, in the meantime, the two other families, named Oelatto and Manattamparambatto Nair, had an ola written by a minor heir of Panangatta, which having shown to the Resident of Chettua, they are now managing the lands of the mentioned village, which is very contrary to Tuesday 1775 Anno 1775
Dutch transcription
165 Reekening Courant van de Debet Credit den 10 febr: Aan zijn Hoogh: verstrekt volgens besluijt van gemelde datur - - - - - - - - - - - - - - - - - . . . - . p: 100: ƒ 0:-: Adij ult: aug:s aan den Cannarijn Narna zijnde, de halve gagie 42: 3/80 kop=s s' maands komt Het toegelegde in Abo: 1711 aan de Diacorij Armen tot een gifste. . -. . . . . . . . . . . . -. . . . . „ 16:— „ 19: 4:- de geregtigheijd van de verpande landerijen voor 't Jaar 17 23/4 te weeten. . . . . . 7747 Cochimse fan=s in 20 per Popeij gereekend ps 38:17. 1735 Cochimse parras nelij a 7/s Rop=s de parra „ 649:— „ 1031:17 „ 1297:12:8 Volgens Resolutie van den 15=de April 1772, om van de thallen die zijn Hoogheijd Compiteerende s' Jaars ingehoudene te werden, tot vereffening van de oorlogs in 12 maanden. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ Somma Rop:s 262:5 ƒ151:81 Augustus Cochim Adij Altimo Geteekent bij de Ragiadoors ongelden. . - - - - - - - . - - - - . . . . . . . . . „ 1500:— „ 1800:—: Narna Mem Over het zaldo deezes dat op heeden van wegens zijn Hoogheijd in s' Comp: groote geld kasse geteld is - - - - - - - - „ 76: 5„ 691: 6: 8 . - - - - - - Rop=s 12050:— ƒ14460: —:— Somma Rps 12626:5 ƒs15151:6:8 Anno 1774 Coenja Poela Menon en Colatoevan Poela 28:36„ 34:10:— ult: Aug:s Per de Jnkomsten van Cochim over de geregtigheijd van zijn Hoogheijd in de thollen van de in- en uijtgaande Regten van alle groote en kleene scheepen en mindere Chaloupen en vaartuijgen geen uijtgezondert, tot Ropias 24100 verpagt zijn, komt voor zijn geregte helfte hier Hoogheijd inne Koning van Cochim 1774 „ „ d:o „ „ „ „ „ „ 1774. 165 Reekening Courant van Debet Credit den 10 febr: Aan zijn Hoogh: verstrekt volgens besluijt van gemelde datum. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Ropl: 1000:- s 2000 Adij ult:o aug=s aan den Cannarijn Narna zijnde, de halve gagie 42. 3/8. kop=s s'maands komt in 12 maanden. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .„ Het toegelegde in Ao 1711 aan de Diacorij armen tot een gifte. . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 16:—„ de geregtigheijd van de verpande landerijen voor 't Jaar 17 23/4 te weeten. . . . . . 7747 Cochimse fan=s in 20 per Sopeij gerekend vops 387:17. 1735 Cochimse parras nelij 4 7/b Rop=s de parra „ 699:— „ 1031:17: „ 1297 volgens Resolutie van den 15=de April 1772, om van de thallen die zijn Hoogheijd Compiteerende s' Jaars ingehoudene te werden, tot vereffening van de oorlogs Somma Rp:s 2626:5 151: 5 Augustu Cochim Adij Altimo Narna Geteekent bij de Ragiadoors ongelden. - - - - - - - - - - . . . . . . . . . . . . . „ 1500:— „ 1800: 20:36„ 3 Over het zaldo deezes dat op heeden van wegens zijn Hoogheijd in s' Comp: groote geld kasse geteld is . . - - - - - - - „ 576:5„ 691: 6: 8 - - - - - - - - - Rop=s 12050:— ƒ 14460:—:— Somma Rep:s 126265 ƒ15551: 6:8 Anno 1774 Coenja Poela Menon en Colatoevan Poela Adij ult: Augh: Per de Jnkomsten van Cochim over de geregtigheijd van zijn Hoogheijd in de thollen van de in- en uijtgaande Regten van alle groote en kleene scheepen en mindere Chaloupen en vaartuijgen geen uijtgezondert, tot Ropias 24100 verpagt zijn, komt voor zijn geregte helfte hier Hoogheijd inne koning van Cochim 1774 „ „ d=o „ „ „ „ „ 1774 Den Koning van Cochim Den 28 Nbv: Jn de Stad Cochim Debet verpande landerijen voor het boek Jaar 15de April 1772 Jnmin„ „ „ volgens Res=tnen van den tigheijd van zijn Hoogh=t Ult=o Rugt:s om de gereg¬ in de thollen van de uijt„ gaande reg„ Crediet halve pagie- - - - - - - Rop:s 28: 36 C„s 24: 10: — vin narne over de adij ult:o Aug=s Aan den Canna„ het toegelegde aan De Diaconij armen „ „ „ de gerogtighepd der palij en Narika „den. . . . . . . . . . . . „ 1500 — „ 1800: —:— „dering der Oorloges ongel„ hogt te vooren staat en op heeden aan hem is voldaan. . . . . . . . . . „ 9473:— „ 11368:15:8 Somma Rop:s 12100:— ƒ 120:—: — Cochim den Laasten Augustus Anno 1775 Geteekend bij de Kagia doors Narana menon, Coenja Poela menon en Colatoran Poela „ het zaldo deses, dat zijn rd=s 174/5. . . . . 1083:157„1297:12: 8 16: - „ 19: 4 „ten . . op=s 12100: - ƒ 14520:- Jn het land van paijencherij legt een dorp gen=t paijnoor de som waar van mij het regt toekomt van 3ten 4 van het gewas, en dewijl er verschil ontstaan is, tusschen de drie samieljes van Paijencherij Naijros weegens de nelij van zeekere dam geleegen in gem: dorp, zoo heeft paijencherij Panangattij naijvo zeekere bewijsen geproduceert waaromme vastgesteld is, dat de zaaijvelden voorm: aan hem naira zouden blijven, gelijk zulx met voorkennis „se van de hooge hoverigheijd tot in het Jaar 1770, is gecontinueert, en ik mijn gezegtigheijd genoten heb„ tog intussen hebben de twee andere famieljes met naame oelatto en manattamparambatto naira een eén ola laaten schrijven, door een onmondige Erfgen: van Panangatta dewelke zij aan den Resident van Chettua vertoont hebbende, gaan thans met de landerijen van gem: dorpom, het geen zeer strijdig is Translaat ola door den Namboerij Chomaderij geschrz: aan den Eersten tolk van Jongeren ontf: den 28 Nov: A:o 1775; Dingsdag ontfing den Eersten tolk van tongeren een Ola van den Namboerij Chomaderig om dies inhoud aan zijn wel Edele groot Agtb=r bekent te maaken, en te verzoeken dat 'er order na Chettua mogt gezonden worden ter Erlanging van zeekere geregtigheijd hem Competeerende uijt het dorp Paijnoer, de som als hier onder blijkt; met 1775 3 „ „ „ „ Dingsdag 1775 A=o 1775 167
English
169 28 Nov: In the City of Cochim 18 Dec: In the City of Cochim Ao. 1775 A=o 1775,/ with justice and equity: therefore I request that notice hereof be given to the Right Honourable Lord Governor, and to arrange that orders may be sent to Chettua to have our old arrears paid to us, and to allow the lands to be worked by the lawful owner /:signed:/ by the Namboori Chomaderij /:below stood:/ for the translation, Cochim date as above /:was signed:/ S: W: Jongeren sworn translator. 18 Dec: Monday, an ola from the Namboori Chomaderij was brought here, complaining once again about the dispute over the village of Paijnoer de Som, situated in the sandy land of Paijencherij Nairo, as appears here below. Translation of an ola, written by the Namboori Chomaderij to the first interpreter Van Tongeren; received 18 Dec: A=o 1775. Regarding the matter of the village of Paijnoer de Som, I recently wrote an ola to his Right Honour, upon which the Resident of Chettua informed me that he had received instructions from his Right Honour to settle that matter according to justice and equity, and that for that purpose I should send a person to him, which I have done. In the meantime, Paijencherij Panangatto Nairo was arrested in the fort because he was unwilling to pay the paddy dues to me, and the Resident told my people to remain there until the matter should be settled. My grievance was not only about the non-payment of the paddy dues, but also about the dispute concerning the village; however, that Panangatto Nairo should be arrested until the payment of those dues, much less urging my people to receive those dues from the said Panangatto Nairo, is not equitable. Therefore, I request that it may please his Right Honour to have the three heads of the Paijencherij Nairos appear at Cochim, to investigate the matter, and to have the lands of the village of Paijnoer de Som vacated by the unlawful possessors, and to have the old arrears of paddy dues paid to me /:signed by the Namboori:/ below stood:/ for the translation, Cochim date as above /:was signed:/ S: V: Jongeren sworn translator. Ditto 20 ditto Wednesday, the letters from the High Indian Government at Batavia, addressed to the Kings of Cochim and Trevenloor, were delivered to their envoys, named Malotto Changara and Ananda Mallen, together with the presents belonging thereto. In the City of Cochim 20 Dec: A=o 1775 Examined WV Haaften Agreed J Sannichen EClercq
Dutch transcription
169 Den 28 Nov: Jn de Stad Cochim Den 18 Dec: Jn de Stad Cochim met het regt en de bellijkheijd: dierhalven verzoeke de d hier van kennisse aan den Wel Edelen Groot Agtb=r Heer gouverneur te geven, en te bezorgen, dat er order na Chettua mag gezonden worden, om ons de oude agtersta „len te laaten voldoen, en de landerijen door den wettige Eijgenaar te laaten omgaan /:geteekend:/ bij den namboen Chomaderij /:onderstond:/ voor de translatie, Cochim dato als boven /:was get::/ S: W: Jongeren gesw: translateur, Den 18 Der: Maandag is alhier aangebragt een ola van den namboreij Chomaderij, klagende alweder over de verschild van het dorp paijnoer de som, gelegen in het zandig land van paijencherij naijro, als hier onder Consteert Translaat ola, door den Name „rij C:homaderij, geschrz: aan den Eersten tolk van tongeren; ontv: den 18 Der: A=o 1775 Over de zaak van het dorp paijnoer de som, heb ik laast een ola aan zyn wel Edele groot Agtb= geschrz„ waar op den Resident van Chettua mij heeft laten voeten, dat hij aaschrijvens van zijn wel Edele g=res Agtb: ontvangen had, om die zaak na regt en de billijkhep af te doen, en dat ik ten dien Eijnde een persoon bij hem sende soude, gelijk ik sulx gedaan heb¬ intussen is paijencherij panengatto naijzo in het fort gearresteert geworden, om dat hij onwillig was de nelij geregtigeijd aan mij te betaalen, en aan mijn volk heeft den Resident gesegt, om daar zoo lang te blijven tot de zaak afgedaan zoude worden, mijn beswaarnisse is geweest, soo over het niet betaalen der nelij geregtigheijd, maar ook over het verschil van het dorp, dog dat panangatto nairo zoude worden gearresteerd tot de betaaling van die gereg„ „tigheijd veel min mijn volk aan te zetten om van gem: Paningatto nairo die geregtigheijd te ontvan„ „gen is niet billijk, dierhalve verzoeke ik dat zyn welEdele Groot Agtb=r behagen mag; de drie samietjes van de paijencherij nairos op Cochim te laaten verschuijnen, de zaale te onderzoeken, en de landerijen van het dorp Paijnoer de som, door de onwettige bezitters te laaten inruijmen en de oude agterstallige nelij geregtigheijd aan mij te laaten voldoen /: get: by den Namboerij :/ onderstond:/ voor de translatie Cochim dato als booven /:was getz: :/ S: V: Jongeren gesw: translateur d=o 20 d:o Woonsdag, zijn de brieven van de Hoge de Jndiase Ao. 1775 A=o 1775,/ D Jn de Stad Cochim Den 20 Dec: A=o 1775 Naegezien Indiase Regering te Batavia, aan den koningen van Cochim en Trevenloor gerigt aan derselver afsendelingen, met name malotto Changara en ananda mallen overgegeven, nevens de Presenten daar bij gehoorende WV Haaften Accordeerd J Sannichen EClercq