Inventory 3490
Surat · 822 pages · 168 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
1382 7 Surat bundle 1778 Copy 1st 2nd 7th Surat 4 Surat bundle 1778 1 - - - - - - - Register of Papers 4 Original missive from Director van de Graaff and the Council to the Assembly of the Seventeen dated 28 December 1777 with a P.S. - - - - - - - Register of Papers. 35 Copy of a separate missive from Director van de Graaff to the Governor-General and Council dated 5 April 1777 with a P.S. Account of a cargo of powdered sugar with all the charges that can be applied thereto. 39 List of ships sent from Batavia to Surat between 1756 and 1775. Memorandum of ships and vessels arrived both at Bombay and Surat from 21 December 1776 to 25 March 1777, with their cargoes. 43 Copy of a separate missive from Director van de Graaff to the Governor-General and Council dated 25 April 1777. 60 Ditto ditto dated 27 December 1777. annex. Note of the prices of Surat kapok from 1757 to 1776. Memorandum of ships and vessels arrived both at Bombay and Surat from 9 April to 27 December 1777, with their imports. Copy translation of the firman granted by the Nawab of Surat permitting the receipt and shipment of spices at the wharf. Register of Letters and Papers arrived from Surat Copyist 1778. 2nd annex 37 36 38 40 41 63 62 and 63 65 7 5. 2 a November 1777. 71 Two secret resolutions dated 7 August and 3 November 1777. 73 Copy of a separate missive from Director van de Graaff to the Governor-General and Council dated 30 December 1777. 235 Resolutions from 11 January to 23 November 1777. 286 Copy of a letter from Director van de Graaff and the Council to the Governor-General and Council dated 5 April 1777. 288 Ditto ditto dated 25 April 1777. 353 Ditto ditto dated 27 December 1777. 355 Translated letter from T. Day, managing the affairs of the English Company, together with the Council at Surat, to Director van de Graaff and the Council, dated 14 February 1777. 357 Copy of a letter from the said Director and Council to the aforementioned T. Day and Council dated 18 February 1777. 359 Account of powdered sugar sold in 1776/7. 366 Short representation of the true state of the Company in Surat as of the last of August 1777. 370 Report of the debtors and creditors as of the last of October 1777, with the decisions made thereupon entered in the margin. 372 True return of trade in the financial year 1776/7. 374 Gross return of the merchandise brought by the Stavenisse and De Jonge Lieve under 25 November 1777. 66 and 236 287 290 354 356 58 360 367 371 373 1 Copyist 2nd 1st folio 1 Surat letter 1778 This Register Register of the papers which are dispatched today with the Company ship Stavenisse to Galle for further conveyance to the Netherlands; as follows: No. 1. An original missive addressed to the Honorable Most Respectable Gentlemen Directors deputed to the Assembly of Seventeen, dated today. No. 2. A sealed packet containing secret advices and enclosures dispatched by Director van de Graaff to Their High Excellencies. No. 3. Copy of resolutions from 17 January up to and including 23 November of this year. No. 4. Copies of general missives of 5 April and of today's date dispatched by the Director and Council to Their High Excellencies. No. 5. Being one incoming and one outgoing English letter with their translations. No. 6. An account of the powdered sugar sold in the financial year 1776/7. No. Copy 12 10th g Note: No. 12, not having been prepared by the trade officials, could not be sent. No. 7. A short representation of the state of this office as of the last of August last. 8. A report of the current debtors and creditors on the books, with the decisions noted beside them in the margin. 9. A true return of trade in the financial year 1776/7. 10. A gross return of the merchandise sold that was recently brought by the ships Stavenisse and De Jonge Lieve. 11. An answered home requisition for the year 1777. 12. An extract invoice from the warehouse of the goods shipped for the Netherlands on the ship Stavenisse, not received. Surat, 27 December 1777. E. A. Wiardie Secretary 4 Supplement 2 Patria To the Honorable Most Respectable Gentlemen Directors Deputed to the Assembly of Seventeen, representing the General Dutch Chartered East India Company at the Presidial Chamber of Zeeland: Honorable Most Respectable Gentlemen! The ships Stavenisse and De Jonge Lieve, which departed from Batavia on 16 August and arrived safely here on 31 October, are now returning together to Batavia; the Stavenisse via Ceylon. Copy 10th Note: No. 12, not having been prepared by the trade officials, could not be sent. No. 7. A short representation of the state of this office as of the last of August last. 8. A report of the current debtors and creditors on the books, with the decisions noted beside them in the margin. 9. A true return of trade in the financial year 1776/7. 10. A gross return of the merchandise sold that was recently brought by the ships Stavenisse and De Jonge Lieve. 11. An answered home requisition for the year 1777. 12. An extract invoice from the warehouse of the goods shipped for the Netherlands on the ship Stavenisse, not received. Surat, 27 December 1777. 82 E. A. Wiardie financial year 1776/7. 9 Supplement 2 Patria To the Honorable Most Respectable Gentlemen Directors Deputed to the Assembly of Seventeen, representing the General Dutch Chartered East India Company at the Presidial Chamber of Zeeland: Honorable Most Respectable Gentlemen! The ships Stavenisse and De Jonge Lieve, which departed from Batavia on 16 August and arrived safely here on 31 October, are now returning together to Batavia; the Stavenisse via Ceylon. Copy 10th
Dutch transcription
1382 7 Sourats blt. 1778 Copia ien ij vij Coura 4 Lourat tbr. 1770 1 - - - - - - - Register der Papieren 4 Origineele missive van den directeur van de Graeff en den Raad aan de vergadering van 17:e in dato 28 December 1777 met een P: S. - - - - - - - Register der Papieren. — 35 Copij aparte Missive van den directeur van de Graeff aan Generaal en Raden in dato 5 April 1777 met een P. S. Reekening van een lading Poeder suker met alle de lasten die daar toe kunnen worden gebragt. 39 Lyst der scheepen zeedert 1756 tot 1775 van Batavia na Couratte gesonden. Memorie van scheepen en vaartuygen zeedert 21. december 1776 tot 25 Maart 1775, zo te Bombaij als souratte aangekomen met dies ladingen 43 Copie aparte missive van den Directeur van de Graeff aan Generaal en raden in dato 25 april 1777. 60 dito dito in dato 27 december 1777. annex. e Notitie der prijsen vande Couratse Kapok zedert 1757 tot 1776. Memorie van Scheepen en vaartuijgen zeedert 9 April tot 27 December 1777, zoo te Bombaij als Couratte aankomen met dies aanbreng. Copij vertaling van de forman verleend door de Na„ „bab van Couratte om de speceryen op de werff te mo„ „gen ontfangen en afscheepen. Register der Brieven en Papieren van Souratte over¬ „gekomen Copier 1778. 2en annex 37 „ 36 38 40 „. 41 63 62 en 63 65 7 5. 2 a ur vember 1777. 71 Twee secreete Resolutien in datis 7 Augustus en 3 November 1777. 73 Copie aparte missive van den Directeur van de Graaff aan Generaal en Raden in dato 30 december 1777. 235 Resolutien zeedert 11 Jannuarij tot 23 November 1777. 286 Copyj brieff van den directeur van de Graaff en den Raad aan Generaal en Raden in dato 5 April 1777. 288 dito dito in dato 25 April 1777. 353 dito dito in dato 27 december 1777 355 translaat brief van T, Daij waarneemende de zaken der Engelsche Compagnie, beneevens den Raad te Couratte aan den Directeur van de Graaff en den Raad in dato 14 februarij 1777. 357 Copij brief van gemelde Directeur en Raad aan evenge„ „melde T. Daij en raad in dato 18 february 1717. 359 Reekening van verkogte Poeder suker in 1776/7 366 Korte vertoning van den waare staat der Comp: in Courat „te onder ultimo Augustus 1777. 370 Berigt der debiteuren en crediteuren onder ultimo October 1777, met de daar op in margine gestel„ „de besluyten. 372 Waar rendement van den Handel in het Boekjaer 177 6/7. 374 Ruuw Rendement der Koopmanschappen met stavenis„ „se en de Jonge Lieve aangebragt onder 25 No„ 66 en „ 236 287 290 354 356 58 360 367 371 373 „ 1 Crentsl. an Copier 1ij ien fo 1 Sourats H=r. 1778 Dit Register Register der Papieren die op heeden met het komp:s Schip Stave„ „nisse ter verdere voortschik„ „king na Nederland, na Gale worden afgezonden; als; Agtbaare Heeren Bewinthebberen gedeputeerd ter Vergadering van Seeventienen gedateerd op N:o 1. Een origineele missive gerigt aan de wel Edele Hoog heeden Bijlaagen van den Direkteur van de Graaff aan Hunne Hoog Ed:s afgezonden. „ 2. Een gesloote Pakket houdende sekreete Advijsen en „ 3. Kopia Resoluitsien van den 17=e Januarij tot en met den 23„e November deezes jaars „ 4 Kopia gemeene missives van den 5„e April en hedi„ „gen datum door den Direkteur en Raad aan Hunne Hoog Edelhedens afgezonden. „ 5 zynde een Aankomende en een afgaande Engelsche brief met dier Translaaten. „ „ 6 Een Rekening van de verkogte Poeder ruijker in het Boekjaar 17767 No. Copia 12 ten g ntts. NB: N:o 12 door de Negotie Bediendens niet zynde in gereedheid gebragt, heeft dezelve niet kunnen werden verzonden. N„o 7 Een korte vertoning van den staat dezes komptoirs onder ult:o Augustus jongstleeden 8„ Een Berigt der bij de Boeken voortlopende Debiteuren en krediteuren met de besluijten daar nevens in margine genoteerd. „ 9 Een waar Rendement van den Handel in het Boek„ „jaar 1776/7. 18„ Een Ruuw Rendement van de verkogte koopman„ „ „schappen die met de Scheepen Stavenisse en De Jonge Lieve jongst aangebragt zijn 11. Een Beantwoorde Patriase Eysch van het jaar 177 pakh=s 12. Een Extract Factuur van de goederen die voor neder„ „land in het schip Stavenisse niet ontvangen zijn afgescheept Curatte den 27 December 1777. ALJS E: A: Wiardie Jec: „ 4 Supl 2 Patria Aan De WelEdele Hoog Agtbare Heeren Bewindhebberen Gedeputeerd ter Vergadering van Seeventienen representeerende de generaale Nederlandse g'octra: „iseerde Oost Indische Compagnie ter Praesidiale Kaemer Zeeland: WelEdele Hoog Agtbaare Heeren! De scheepen Stavenssse en De Ionge Lieve, die den 16:e nu„ „gusties van Batavia vertrokken en den 31:e october hier behouden g'arriveerd zijn, gaan thans te zaemen wederom terug, naa Batavia; Stavenisse over Ceylon Copia ten NB: N:o 12 door de Negotie Bediendens niet zynde in gereedheid gebragt, heeft dezelve niet kunnen worden verzonden. N„o 7 Een korte Vertoning van den staat dezes komp onder ult:o Augustus jongstle¬ „ 8 Een Berigt der bij de Boeken voortlopende Debite en krediteuren met de besluijt daar nevens in margine genote 9 Een waar Rendement van den Handel in het De 10„ Een Ruuw Rendement van de verkogte koopma „schappen die met de Scheep Stavenisse en De Jonge Lie# jongst aangebragt zijn „ 11. Een Beantwoorde Patriase Eysch van het jaar s, pakh=s 12. Een Extract Factuur van de goederen die voor v „land in het Schip Stavenis J nots niet ontvangen zijn afgescheept Curatte den 27„ December 1777. 82 E: A: Wiardie „jaar 1776/7. ƒ 9 Supl 2 Datria Aan De WelEdele Hoog Agtbare Heeren Bewindhebberen Gedeputeerd ter Vergadering van Seeventienen representeerende de generaale Nederlandse g'octra: „iseerde Oost Indische Compagnie ter Praesidiale Kremer Zeeland: WelEdele Hoog Agtbaare Heeren! De scheepen Stavenssse en De Ionge Lieve, die den 16:e au„ „gusties van Batavia vertrokken en den 31:e october hier behouden g'arriveerd zijn, gaan thans te zaemen wederom terug, naa Batavia; Stavenisse over Ceilon Copie ten
English
Ceylon; laden with such return cargoes as are specified on the accompanying extract invoice, to the amount of ƒ142396:18:8. - and De Jonge Lieve with the Indian return cargoes, direct. We hope that the return cargoes for the Netherlands may be brought to Ceylon in time for the ships of the second consignment, and that the goods themselves may be found to the satisfaction of Your Right Honourable Worships. With the aforementioned ships we have also received via Batavia the extract from the demand for return cargoes for the Netherlands for the year 1778; we shall seek to contract for them as closely as possible and apply ourselves to ensure that what is demanded therein is delivered in good, sound merchandise. Regarding the good condition of this factory, we request permission to refer to our general and separate letters to the Honourable High Indian Government, mentioned more fully in the accompanying register, copies of which are enclosed herewith. From time to time, rather large parcels of cowries are brought here from the African coast, which are generally very cheap in comparison with the cowries coming from the Maldive Islands: they are almost of the same size as the Maldive cowries mostly are; however, they are entirely white: here they are frequently sold for 25: to 22: Rupees the candy of 600 lbs; yet they also occasionally rise to 30: Rupees; nevertheless, the price still differs very greatly from that of the Maldive Islands, and the Director has therefore thought not to do amiss on this occasion to send a few candies to Ceylon with a request to the ministers there to send samples thereof with the return ships to Your Right Honourable Worships, in case You might perhaps find that this can be an article for Europe; the more so as they can be conveyed from here to Ceylon without any expenses by the ship that brings the annual return cargoes thither. Wherewith we have the honour to be, with due respect and true fidelity: Right Honourable Worshipful Sirs, Your Right Honourable Worships' very humble and obedient servants. Suratte, the 28th of December 1777 Corns. van Citters Aarn: Baan J: Heijdeman R:s C:l de Vasseij W: L: Sortag Pieter van Toulon W:r van de Graaff P: J. Sluijsken dos G D Hijser C: A: Wiardi P.S. In the hope of a favourable interpretation, we make on this occasion no requisition for European goods other than from Batavia, because, in the first place, our household requirements are very few, and secondly, when the goods are sent to us with the ships bound for Ceylon, it is only by a chance opportunity that they can be delivered to us from there. Furthermore, that cannot be done except with foreign vessels and thus at great expense; it is also to be feared that they would mostly come to hand too late for us not to fall into embarrassment thereby. Register Another letter written to Their High Excellencies on the 30th of December 1 bundle marked No. 1, containing: 1 letter written to Their High Excellencies on the 5th of April 1777. 1 sugar account dated the 5th of April 1777. 1 list of the ships which were dispatched from Batavia to Suratte from 1756 to 1775. 1 memorandum of the cargoes brought here as well as to Bombay since the 21st of December 1776 until the 25th of March 1777. 1 letter written to Their High Excellencies on the 25th of April 1777. 1 bundle marked No. 2, containing: 1 letter dispatched to Their High Excellencies today. 1 note of the prices of kapok. 1 memorandum of the cargoes brought here as well as to Bombay since the 9th of April last until the 27th instant. 1 copy translation of the firman granted by the Nawab of Suratte in proof that we may receive the spices at the wharf and reship them, marked No. 3. 1 copy of the secret resolution of the 7th of August and 3rd of November of this year, marked No. 4. Suratte, the 27th of December 1777. J: J: Wickerman, sworn clerk. Copies of separate Suratte letters written to Their High Excellencies the High Indian Government with the enclosures. No. 1. Separate Batavia To His High Excellency, The Right Honourable, Highly Esteemed, Far-Ruling Lord Jeremias van Riemsdijk, Governor General on behalf of the State of the Free United Netherlands and its General East India Company, and The Honourable Lords Councillors of the Netherlands Indies. Right Honourable, Highly Esteemed, Far-Ruling Lord, and Honourable Lords, My last respectful letter of the 25th of December last, duplicate of which accompanies this, I hope has reached Your High Excellencies in good order with the ship Venus. Since then I have had the good fortune to receive with the ship Ouwerkerk the original of Your High Excellencies' separate letter
Dutch transcription
Ceijlon; belaaden met zodaenige Be„ „touren, als op 't hier nevens gaande Extract Factuur gespecificeerd staan, ten bedraage van ƒ142396:18:8. - en De Jange Lieve met de Indiasche Retouren, direct Wij hoopen dat de Betouren voor Nederland tijdig genoeg op Ceijlon zullen moogen werden aangebragt voor de scheepen van de tweede be„ „zending en dat de goederen zelve ten genoegen van Ul WelEdele Hoog Agtbaare, moogen bevonden worden. Met de voorsz: Scheepen heb¬ „ben we tevens over Batavia ontfan„ „gen 't Extract uijt den Eijsch van Retouren voor Neederland voor den jaare 1778; W=ij zullen de aanbestee„ „ding daarvan zoo nauw mogelijk zoeken te bedingen en ons bevlijti„ „gen dat 't daarby g'eijschte in deugd, „zaam goed werd voldaan. Nopens den goeden staat van dit Comptoir verzoeken wij verlof ons te moogen gedraagen aan onse gemeene en apparte brie¬ „ven 3 „nen aan de Edele Hooge Indiasche Regeering, bij 't hiernevens leggende Register breeder vermeld, en waar van de afschriften hiernevens gaan. zamtijds worden hier van de Afrikaanze kust aangebragt vrij groote partijen Kautories die door „gaans, zeer goedkoop zijn invergelijk der Kauwries die van de Maldivische Eijlanden komen: ze zijn bijna van de zelvde groote als meerendeels zijn de Maldivische Kauwries; dog ze zijn geheel wit: Hier worden ze veeltijds verkogt voor 25: tot 22: Bop:s 't Candijl van 690„ lb; dog ze loopen ook wel eens tot 30: Popien; niet te minscheeld de prijs dan nog altoos zeer veel met die van de Maldivische Eijlan„ „den en de Directeur heeft daarom gedagt niet te zullen misdoen van ter deezen gelegentheid eenige wijni„ „ge kandijlen te zenden na Ceijlon met verzoek aan de ministers al„ „daan om daarvan de monsters met de Retoier scheepen te stuuren aan uw WelEdele Hoog Agtbaarheedens of Hoogst Dezelve zamtijds mog„ „ten bevinden dat dit een artikel voor Europa zijn kan; te meen ze buijten Copia ten buijten eenige lasten van hier na Ceijlon kunnen worden bezorgd met 't schip dat de jaarlijkze Betouren na derwaards overbrenge. Waarmeede de een hebben met vorschuldigde eerbied en waare trou„ „zoe te zin: WelEdele Hoog Agtbaare Heeren: UWVWel Edele Hoog Agtbaarheeden seer onderdanige en gehoor„ „zaeme dienaaren. Lieratte den 28. December Corns. Van Cilters Aarn Baan J: Heijdeman R:s C:l de Vasseij W: L: Sortag. Pieter van Toulon Wr van de Graaff P: J. Sluijshen dos G D Hijser C: A: Wiardi 1777 1 P„ S„ F is 4 „ I„ Wij doen in Hoope van gunstige Welduijding, ter deezer gelegentheijd geen Eijsch van Europase goederen anders dan van Batavia om dat voor eerst onze benodigdheeden in de Huijshouding heel wijnig zijn, en dat ten anderen, als ons de goederen met de scheepen die voor Ceijlon uijtgaan gezonden worden het alleen bij een toevallig gelegentheijd is dat ze ons van daar kunnen worden bezorgd. Boven dien kan dat niet geschieden dan met vreemde scheepen en dus met veel kosten, ook is het te vreesen dat ze ons meerendeels te laat zouden aanhanden komen om daar door niet in verlegentheijd te raeken. — Copier ten Copier Witien Register Nog een brief aan Hunne Hoog„ „silheeden geschreeven d„n 30.' decemb: 1. bondel gemerkt N:o 1:, waarin 1. brief aan Hunne Hoog Edelheeden geschreeven den 5. A„ „pril 1777. — 1. zuijker reekening gedateerd den 5. April 1727. — 1 Lijst van de scheepen dien van 1756. tot 1775. van Batavia na Suratte verzonden zijn 1. Memorie van de aangebragte laadingen zo hier als te Bombaij zeedert den 21. ' decemb: 1776. tot den 25. Maert 1777. 1. brief aan Hunne Hoog Edelheeden geschreeven den 25. April 1777. 1. bondel gem=t N:o 2. waarin 1. brief aan hunnen Hoog Edelheeden heeden afgaande 1. Notitie van de paijsen der kapok 1. Memorie van de aangebragte laadingen zo hier als te Bombaij zeedert den 9. April jongstl: tot den 27. deezer „ 1. kopij vertaaling, van de firman verleent door de Nabab„ van Suratte ten bewijze dat wij de specerijen op de werf moogen ontfangen en weeder afscheepen ge „merkt N:o 3. — 1. kopij van de sekreete Resolutie van den 7. August en 3. Novemb: deezes Jaars gemt N:o 4. — Suratte den 27. december 1777. — J: J: Wickerman. gezw: Clerk E Copier ten - ƒ 1777. 6 Copijen apparte suratse brieven geschreeven aan Hunne Hoog Edelheeden de Hooge Jndiasche Regeering met de bijlaagen Copia No: 1. tien Fopiel Vtten Copie 1711 appart Batavia Aan zijne Hoog Edelheid. Den Hoog Edelen Gest: Groot agtb: Wijd gebiedende Heere Jeremias van Riemsdijk Gouverneur Generaal van weegens den staat der vrye vereenigde Nederlanden en haare algemeene oost-Jndische Comp:, en De welEdele Heeren Raaden van Nederlands Jndien Hoog Edele Gest„r Groot agtb: Wijd gebiedende Heer, en Wel Edele Heeren Mijn jongst eerbiedige van den 25. decemb: laatsleeden waarvan het duplikaet hiernevens gaat, hoop ik dat Uw HoogEdelheeden met het schip Venus wel zal zijn geworden. zeedert heb ik het geluk gehad te ontfangen met het schip ouwer „kerk het origineel van Uw Hoog Eelheeden aparte brief Copia tien
English
letter of the 10. August 1776 written to the former Director Bosman, who has gone over to the English, and to me, of which I found the duplicate upon my arrival here. In my aforesaid respectful letter I have already taken the liberty of observing that the Surat establishment is too extensive in proportion to what there is to be done here for the Company. Strictly speaking, two or three persons assisted by a few lower servants could conduct the affairs here, but Surat lies somewhat out of the way, and it is therefore not inadvisable for the interest of the Company, by retaining a few more qualified servants succeeding one another in rank, to prevent the inconveniences that may arise through deaths or otherwise. Moreover, both the native and the English government are accustomed to the name of a Director and Council. A complete change in that regard could easily bring about that we would be treated with even less respect than now. I therefore think that the establishment, as far as the civil servants are concerned, could be determined in the following manner, to wit: 1. Director 1. Senior Merchant, Chief Administrator and Second 1. Merchant 2. Junior Merchants 1. Bookkeeper and Sworn Clerk to the Director, who can also perform the work of Sworn Clerk at the secretariat 1. Bookkeeper as Trade Transferrer 6. Clerks at the offices, namely: 2. at the secretariat 3. at the Trade Office 1. for the paymaster's work Often work must be done in several warehouses simultaneously, and it is therefore not well possible for one person alone to manage everything. If Your High Excellencies should approve, then, on the occasion that some reassignment among the servants is needed, the merchant could be made first and one of the junior merchants second warehouse master. The merchant could enjoy two thirds and the junior merchant one third of the perquisites. These two servants could then also at the same time administer the few provisions and stores that are here. The senior merchant could perform the duties of pay bookkeeper and petty cashier, and the duties of fiscal and secretary could be given to the second junior merchant. Under this arrangement there would be 2. junior merchants as first clerk, 1. sworn clerk at the secretariat, 1. bookkeeper and provisioner, 2. bookkeepers as second and third in the warehouses, and 3. clerks at the offices fewer than at present. The garrison should well remain fixed at one officer, a few non-commissioned officers and 24. privates, in order not to be entirely helpless in times of inconvenience, especially of fire and similar emergencies. The remaining servants likewise remaining at the establishment as they are at present, the salaries, board allowances and emoluments of all the permanent servants each year would amount to about - - - - - - - - - - rop=s 20000: Added to this for the other expenses, such as: The vessels, including the maintenance of the crew sailing on them . . . . 5200. The daily repairs to warehouses and dwellings . 2500. The annual medicines and expenses of the hospital - - - - - - - - 850. The annual ordinary gifts at Surat 6000. The other small expenses that are written off to ordinary expenses, counted together at - - - 3000. Brought forward . . . . rp:s 37550: Carried over . . . - rop=s 37550. - The extraordinary expenses and other small items in unusual cases . 450. — Regarding the native servants, one is to some extent obliged to follow the customs of the country, and therefore this burden cannot well be avoided. To save on clerical work, not counting the servants of the lodge, an annual allowance could be granted for this of 2500. –. Exclusive of the expenses of ships, because this depends on the fewer or more ships that Your High Excellencies will see fit to employ in the Surat trade, and likewise exclusive of the expenses of the lodge, of which I shall speak hereafter, the annual expenses of Surat, one year with another, would more or less amount to rop:s 40500. –. At Brootchia there is at present nothing else to do than to ask permission upon receipt and dispatch of the linens. A single bookkeeper as Resident can manage very well there, and consequently a junior merchant and a few other small expenses could also be saved there. On the article of trade, I request permission to be allowed to address Your High Excellencies in some detail. Since the English have obtained mastery here, Surat is certainly no longer what it was before. Trade in general, however well situated this place is for it, has noticeably fallen into decline since that time, which naturally must also have had a detrimental influence on the Company's trade. With the government, especially the English, we moreover repeatedly have difficulties that make our residence here unpleasant and frequently burdensome, and the only way to prevent them as much as possible is carefully to avoid everything that may give offense to the government, and that we apply ourselves solely to trade. If the Company's trade could therefore be transferred from Surat to Cochin, this would without question be the best. The considerable costs that the Company has incurred since it has possessed this shipyard, and even recently to put it in proper condition, should not even be a reason to
Dutch transcription
brief van den 10. August 1776 geschreeven aan den tot de Engelsen overgegaane geweezen Directeur Bos„ „man en mij waarvan ik het duplikaet met mijn komst hier gevonden heb. Bij voorsz: mijn eerbiedige heb ik reeds de vrijheid gebruikt van aan te merken dat de suratze Huishouding te uijtgebreijd is naer maate van het geen hier voor de Comp: te doen valt strikt gesprooken zouden twee of drie luijden geassisteert met eenige mindere bediendens de zaaken hier doen kunnen, dog suratte legt wat verre van de hand en hiet is mits dien voor het intrest van de Comp: niet ongeraaden om door het aanhouden van eenige meerdere gequa „lificeerde en malkanderen in rang volgende dienaeren te voorkoomen de ongeleegentheeden die door sterf„ „gevallen als anderzins kunnen ontstaan. Boven„ „dien zijn bijde de Jnlandse en de Engelse Regee „ring gewent aan de naam van een Direkteur en Raad. Een geheele verandering op dat stuk konde ligtelijk voortbrengen dat men ons nog minder dan nu zoude ontzien. Jk. denke daarom dat de Huishouding zo veel de Civiele bediendens bediendens aangaat konde werden bepaalt op de volgende wijzen, te weeten: 1. Direkteur 1. Opperkoopman Hoofdadministrateur en sekunde 1. Koopman 2. onderkooplieden 1. boekhouder en gezwoore Clerk bij de Direkteur, die tevens het werk van gesw: Clerk op de secretarij waarneemen kan 1. boekhouder als Negotie overdrager 6. pennisten op de Comptoiren, als. 2. op de secretarij. 3. „ het Negolie Comptoir 1. voor het zoldij werk Dikwils moet 'er in verscheijde Pakhuijsen te ge„ „lijk gewerkt worden en het is dus niet wel moogelijk dat een Mens alleen alles beheeren kan. Jndien uw Hoog Edelheeden het goedvonden, dan konde bij geleegentheid dat er eenige ver schikking onder de dienaeren noodig is, de koop„ „man eerste en een der onderkooplieden tweede Pakhuijsmeester gemaakt worden. De koopman zoude twee derde en de onderkoopman een derde van de voordeelen kunnen genieten. Deeze bijde bediendens konden dan ook tevens de wijnige Dis„ „pers goederen die hier zijn administreeren. Den opperkoopman konde de diensten van zoldij boek„ „houden en kleen kassier waarneemen, en de diensten „en van Copier 8 ten van fiskaal en secretaris konden gegeven worden aan de tweede onderkoopman. Na deeze schik„ „king zouden 'er 2. onderkooplieden v: eerste Clerk, 1. gezwoore Clerk op de secretarij, 1. boekhouder en Dispencier, 2. boekhouders als tweede en derde. in de Pakhuijsen, en 3. borsten op de Comptoiren minder zijn dan thans. Het Guarnisoen diend wel be„ „paalt te blijven op een officier, eenige onder offi„ „ciers en 24. gemeene om in ongeleegene tijden in zonderheid van brand en diergelijke nooden niet geheel hulpeloos te zijn. De overige bedien„ „dens insgelijks blijvende op de bepaaling zo als ze thans zijn, zouden de gagien kostgelden en emolumenten van alle de vaste dienaeren elk jaer beloopen omtrent - - - - - - - - - - rop=s 20000: Hierbij gereekent voor de overige ongelden, als: De vaartuijgen daaronder gereekent het onderhout van het daarop vaarend volk. . . . „ 5200. De daagelijkse reparatien aan Pak en woonhuijsen. „ 2500. De jaarlijkse medicijnen en ongelden van het De overige klijne ongelden die op onkosten ordinair worden afgeschreeven te zaamen - - - „ 3000. - nog gereekent op De jaarlijkse gewoone schenkagien te Curatte „ 6000. - - - - „ 850. Hospitaal. - - - - - - Transporteere. . . . rp:s 37550: 9 De extra ordinaire ongelden en andere kleenigheeden in buijten gewoone gevallen. „ 450. — Omtrent de Jnlandse dienaeren is men eeniger maaten vrrpligt de gebruijken van het land te volgen en kan daarom deeze last niet wel ontgaen worden. Om het schrijfwerk uijt te winnen zoude ongereekent de bediendens van de Loge daarvoor eens sjaers kunnen worden toegeligt „ 2500. –. Buijten de onkosten van scheepen om dat dit afhangt van de mindere of meerdere scheepen die Uw Hoog Edelheeden zullen goetvinden tot den suratsen handel te emploijeeren, en insgelijks buijten de ongelden der Loge, waarvan ik hierna spreeken zal, zouden de jaar„ „lijkte ongelden van Suratte het eene jaer door het ander min of meer beloopen rop:s 40'500. –. te Brootchia valt thans niets anders te doen dan verlof te vraagen bij ontfangst en verzending der lijwaaten. Een enkelde boek „houder als Resident kan het daar heel wel af en zoude dienvolgens ook daar een onder„ „koopman en eenige andere klijne ongelden kunnen worden bespaert. P=r Transport. . . - rop=s 37550. - Over Copia ten Over het artikel van den Handel verzoek ik verlof Uw Hoog Edelheeden eenigzins omstandig te moogen onderhouden zeedert dat de Engelsen hier het Meesterschap gekreegen hebben, is su „ratten zeekerlijk niet meer het geen het bevoo„ „rens was. De Negotie is over het algemeen, hoe zeer ook deeze plaats daartoe wel geleegen is, na dien tijd merkelijk in verval gekoomen, het geen natuurlijk ook van een nadeelige invloet heeft moeten zijn op den Handel van de Comp:. Met het Gouvernement in zonderheid het Engelsche hebben we bovendien te meermaalen moejelijkheeden die onze inwooning hier onaangenaam en veeltijds lastig maaken en de eenigste weg om die zo veel moogelijk te voorkoomen is om voorzigtig te meijden alles wat het Gouvernement aanstoot geeven kan, en dat we ons alleen toeleggen op den Handel kon men daarom 'sComp=s Handel van Suratte ma Cochim verleggen was dit zonder bedenking het beste. De considerable kosten die de Comp zeedert dat ze deeze werf bezit en zelfs nu nog onlangs gedaan heeft om ze in staat te stellen, zoude zelfs geen reeden moogen zijn om het
English
10 to advise against it. It was better to accept a loss already suffered than to be burdened any longer with a useless encumbrance. But I think this involves many difficulties. The spice trade would in all probability suffer very greatly from it, and the profits which the Company has hitherto enjoyed on linens would for the greater part be lost. It is very probable that if the Company were to withdraw from Suratte, one would sell more spices at Cochim than can be done at present, but how great this increase would be cannot well be determined. The example of Persien seems to make this even more uncertain. Kareek previously sold a fairly moderate quantity of spices, and the same argument was made then for the improvement of the spice trade at Suratte if Kareek were abandoned. Meanwhile, it has been seen that Suratte was not able to sell any more spices than before on that account. A people easily abandons the use of such articles that are not Copy ten of prime necessity, if they become too expensive due to changing masters too often, or if obtaining them becomes too difficult for other reasons. Cinnamon, of which the Company previously sold a fairly moderate quantity at Suratte, is a vivid example of this. We have hitherto enjoyed the privilege of paying no more than half-toll, and no one disputes this with us. It is, however, not beyond suspicion that, as soon as the Company has withdrawn from here, the English will from time to time subject to heavier tolls, among other things, the spices that are sold on this side and must for the greater part pass through places where they are master. They might also do this with the sugar that is not brought in by English ships, just as they are said to have already done with the copper that the French and other private merchants bring to Bombaij from Europa. As for the linens, of which the Company 11 enjoys the profits purely without bearing any additional burdens for them, because they are sent from here with the returning ships, and those destined for Europa go via Ceijlon on the ships that the Company needs besides for the sake of the cinnamon; I say, as for the linens, in order to secure them at reasonable prices one must contract for them and partly advance the money for them, and so far as this is done with prudence, this cannot be considered harmful to the Company, because these linens are dispatched as promptly as could otherwise be done with the cash spent on them. I therefore do not believe that much would come of it if one had to purchase them at Cochim. The demand for Suratte goods is too great for that, and during the sailing season they can always be sold for cash at higher prices than the Company can obtain by contract, assuming Copy ten that the Company is served honestly. So long, therefore, as Suratte remains in its present state with respect to the Company, it appears to me that Their Excellencies would do ill to abandon this factory for the present. Cochim certainly has great advantages over this place, but it is not certain that changes of the times might not have a harmful influence there as well. In any case, this avenue always remains open if the circumstances of Suratte no longer permit our stay. Insofar as the Company confines itself in the Suratte trade chiefly to spices, Japanese copper, and tin, and sugar is considered merely an article to fill the remaining empty hold space, the same can be done with a single ship. But then everything must also be ventured on this single ship, and if an accident befalls it, not only are these costly goods lost, but the Company also suffers a loss of profit of several hundred thousand rupees. If 12 If, therefore, the Company can find from a larger trade even only the expenses of the additional ships it employs for that purpose, this alone might be a reason to advise Their Excellencies to do so, and if, by expanding its trade in this manner, the Company can moreover still gain a handsome penny, then no objection seems to remain against it. The sugar trade must be the foundation of this. Other articles that yield no greater or at least equal profit can be omitted. In order to navigate this region with complete peace of mind, the ships should not be hindered in their defense by their cargo. For this reason, the cargoes for Suratte could be fixed at nine thousand pikuls, which each of the ships can easily load in the hold if large and small canassers are used mixed together, as best fits, and the spices and metals are distributed among them; and if a little of that is left over, it can always be here or there Copy ten f
Dutch transcription
10 het te ontraaden. Beeter was het zig een reeds geleeden verlies te getroosten, dan langer met een onnutte lastpost te zijn beswaert. Dog ik denk dat dit veele zwaarigheeden in zig heeft. De specerij Wandel zoude na de hoogste waarschijnlijkheid en zeer veel door lijden en de winsten die de Comp: tot nog toe op de lijwaa„ „ten gehad heeft, zouden voor het grootere gedeelte verlooren gaan. Het is heel probabel dat indien de Comp: van Suratte opbrak men te Cochim meer specerijen verkoopen zoude dan men thans doen kan, dog hoe groot deeze meerderheid zijn zoude is niet wel te bepaalen Het voorbeeld van Persien schijnt dit nog te onzeekerder te maaken. Kareek verkogt voor „heen nog al een maatige quantiteijd specerijen en het zelfde argument was 'er toen voor de verbeetering van den specerij Handel te Suratte als kareek opgebrooken wierd. Ondertusschen heeft men gezien dat Suratte daarom niet meer specerijen dan voorheen heeft kunnen verkoopen. Diergelijke artikelen die niet van Copia tien van de eerste noodzaakelijkheid zijn, daarvan ont„ „wend zig een volk ligtelijk het gebruijk als ze door het al te dikwils veranderen van mees„ „ter te duur worden of dat het verkrijgen daarvan om andere reedenen te moeelijk valt. De Canneel, waarvan de Comp: voorheen nog al een maatige quantiteijd te Suratte verkogt is daarvan een leevendig voorbeeld. We jouisseeren tot nog toe van het voorregt om niet meer dan halve thol te betaalen en niemand betwist het ons. Het is egter niet buijten vermoeden dat de Engelsen zo dra de Comp: van hier zoude zijn opgebrooken onder anderen de specerijen die aan deeze kant verkogt worden, en voor het grootere gedeelte passeeren moeten plaatzen daar te meester zijn, van tijd tot tijd met swaerder thollen belasten zullen. ze zouden dit ook kunnen doen op de zuijker die niet met En„ „gelse scheepen aangebragt word, gelijk men zegt dat ze reede gedaan hebben met het kooper dat de fransen en andere partikuliere kooplieden te Bombaij aanbrengen uijt Europa. wat de lijwaaten aangaat, waarvan de Comp: de winsten 11 winsten zuiver geniet zonder dat ze 'er eenige meerdere lasten om draagt, wijl ze van hier met de terug keerende scheepen verzonden worden en dat die voor Europa gaan over Ceijlon met de scheepen die de Comp: om de wille van de Canneel buijten dien noodig heeft, jk zeggen wat de lijwaaten aangaat, om die teegens reedelijke prijsen te bedingen moet men ze aan„ „besteeden en het geld gedeeltelijk daarop vooruijt verschieten, en voor zoo verre dat niet voor „zigtigheid geschied, kan dit niet gereekent worden aan de Comp: schaadelijk te zijn, om dat men deeze lijwaaten zoo tijdig verzend als men anderzins de kontanten die daarvoor besteed worden zoude kunnen doen. Jk ge„ „loof daarom niet dat 'er veel van koomen zoude als men die op Cochim zoude moeten inkoopen. Den aftrek van suratse goederen is daartoe te groot en te kunnen in de vaar „baare tijd altoos voor kontant geld worden verkogt teegens hoogere prijsen dan de Comp: die bij aanbesteeding hebben kan, verondersteld dat Copia tien dat de Comp: eerlijk word gedient zoo lang dus Curatte met betrekking tot de Comp: blijft in de tegenwoordige plooij komt het mij voor dat Haar Ed: quaalijk zoude doen dit Comptoir voor als nog te verlaaten. Co„ chin heeft zeekerlijk groote voordeelen booven deeze plaats, dog hiet is niet zeeker, dat ook verandering van tijden daar niet van een schaa „delijken invloed kunnen zijn. Jn allen gevalle staat deeze weg altoos open indien de omstan„ „digheeden van Suratte ons verblijf niet langer geheugen Jn zo verren de Comp: zig in den suratten Handel voornamentlijk bepaalt aan de specerijen Japans kooper en thin en dat de zuijker alleen gekonsidereert word als een artikel om de overige leedige scheeps ruijmte te vullen, kan dezelve met een enkeld schip gedaan worden. Dog dan moet ook alles op dit eene schip worden „gewaagt en zo dat een ongeluk overkomt; zijn niet alleen deeze kostbaare waaren verlooren maar de Comp: krijgt ook een winstdeaving van eenige hondert duijzend ropijn Jndien 12 Jndien dus de Comp: uijt een grooter Handel ook alleen vinden kan de onkosten der meerdere scheepen die ze daartoe gebruijkt, zoude dit alleen een reeden moogen zijn om Haar Ed: dit aan te raaden, en wanneer de Comp: met op deeze wijze haaren handel te vergrooten bovindien nog een goede stuijver winnen kan, dan schijnt daar teegen geen bedenking over te blijven. De zuijker handel moet hiervan de basis zijn. Andere artikelen die geen meer of ten minsten egaale winst geeven, kan men nalaaten. Om met volkomene gerustheid deeze kant te bevaaren dienen de scheepen door haar laading niet te zijn belemmert in de deffensie. Hier„ „om konden de laadingen voor Suratte worden bepaalt op neegen duijzend pikels, die elk der scheepen gemakkelijk laaden kan in het ruijm als men groote en klijne kannassers, zo als dat best vlijt, door malkanderen gebruijkt en dat de specerijen en de metaalen over dezelve verdeelt worden, of schiet ook daarvan een wijnig over, dan is dat altoos hier of daar te Copia tien ƒ
English
to stow in such a manner that the whole cannot be hindered. The Company can always count on fifteen ropijen of net sales money. When the calculation is made upon this basis, it can easily be demonstrated that the Company, after deduction of interest, risk, and administrative expenses, and likewise after deduction of all the expenses and the risk of the ships, can still make 15 pr C=to of profit on it. The late Extraordinary Councillor Mr. Seuff has already proven this with great clarity and conciseness in his considerations on the Surat sugar trade, written on 1: Maert 1766: The said Mr. Seuff states in his aforementioned considerations §. 28. that 4 ships are required for the entire Surat trade, yet Surat cannot currently dispose of as many goods as this determination is based upon. I therefore think that for the present three ships may well suffice, and in my view they can also be used to great advantage for this purpose. With these three ships, besides the spices, the metals, and other small wares that this office requires, 8000. canasses of powder sugar and 6. to 700. canasses of candy sugar can be brought, which is sufficient for Surat for the time being. One cannot conduct trade by sea without some risk, yet it is naturally less with three ships in the aforementioned manner than the risk that the Company must in any case run on the spices, the metals, and the return cargos if it trades with only one ship. The voyages are made at a time when one has, so to speak, no maritime perils to fear, and three ships unimpeded by their cargo and consequently able to defend themselves also have nothing to fear from the Marathas and other pirates. The voyages would, moreover, be shorter and could be completed in 5. to 6. months, which is also an important point. The ships could then, sailing conjoined, safely and without any fear sail up and down the Coast instead of having to detour west of the Laccadives, which makes for very long and uncertain voyages and which nobody besides us does. Even two ships can do this if they are unimpeded by their cargo in this manner. The security is nonetheless greater if there are three, and since the ships can be used to advantage for this purpose, it naturally follows that it is preferable to employ three rather than two ships for this, all the more as it is good even for the security of the Company's state to always keep a moderate number of ships in the Indies. Up to Cochim the ships have nothing to fear from the pirates. It is true, the Marathas were once as far as Anjengo, but that is a single instance upon which one cannot rely and which in all probability will not happen again. This is too far out of the way for them, and they can use their pirate fleets with more profit and less danger closer to home. If one now pays no regard to the impediment that a cargo greater than 9000: pikels causes in the defense of the ships, then their hold capacity easily allows for about 2000. pikels to be loaded outside the hold over and above the aforementioned 9000 pikels. The quantities that the ships carry as they now sail, when one calculates the Company's and private goods together, easily amount to this and are consequently an incontrovertible proof of it. If the ships now departed from Batavia so timely that they could be in Cochim by the end of October or at the latest by the beginning of November, then these 2000 pikels could be unloaded there. From this could be found that which would have to be paid to the ship officers for their freight allowances, should Your High Right Honorables agree to my humble proposal made concerning this in the dispatch of 25. December last; or otherwise this space could be left to the ship officers to fill on their own account instead of their permitted freight allowances. In Batavia, the sugar for this purpose could be supplied to them from the Company's warehouses at, for instance, 8. ropijen per pikel, which is slightly more than the Company's price in order to cover the administrative and other expenses from it. The Government of Cochim could repurchase this sugar from them for the account of the Company at 12. rop=s per pikel without burdening it with any tolls or expenses, which the Company at Cochim can always pay for it, and then a small advance still remains. This would make a fairly good bonus for the ship officers. For the amount of the sugar, a bill of exchange on Surat could be given to them, conditioned, so far as the profits are concerned, on the safe arrival of the ship, and to that extent as a bottomry. The self-interest of the crew would thereby be bound to the preservation of the ships. Well-intentioned people do not need such an incentive to do well, but because
Dutch transcription
te bergen op eene wijze, dat het geheel niet kinderen kan. Op vijftien ropijen verkoops zuiver geld, kan de Comp: altoos staat maaken, Als men hierop de reekening maakt laat het zig gemakkelijk betoogen dat de Comp naar aftrek van de Jntressen, risiko en adminis„ „tratie ongelden, en insgelijks na aftrek van alle de ongelden en de risiko der scheepen daarop nog 15. p r C=to aan winst hebben kan wijlen den Heer Raad extra ordinair Seuff heeft dit reeds met groote duijdelijkheid en bon„ „digheid beweezen bij desselfs bedenkingen over den suratsen zuijker Wandel geschreeven den 1: Maert 1766: Gem: Heer Seuff steld bij voorsz: zijne bedenkingen §. 28. dat 'er voor den geheelen suratten handel 4 scheepen noodig zijn, dog Suratte kan thans zo veel goederen niet slijten als deeze bepaaling ten grondslag heeft. Jk denk daarom dat het voor het tegenwoordige met drie scheepen wel te stellen zij, en die kunnen ook na mijn inzien met groot voordeel daartoe gebruijkt 13 gebruijkt worden. Met deeze drie schee„ „pen kunnen behalven de specerijen de metaalen en andere kleenigheeden, die dit Comptoir nodig heeft 8000. kannass=s poeder en 6. â 700. karnas= kandij zuijker worden aangebragt, dat voor eerst genoeg is voor Suratte Men kan geen Handel doen over zee zon„ „der eenige risiko, dog ze is natuurlijk min„ „der met drie scheepen op de voorsz: wijze dan de risiko die de Comp: als ze maar met een schip handelt, in allen gevalle loopen moet op de specerijen de metaalen en de retouren. De rijzen worden gedaan in een tijd dat men om zoo te spreeken voor geen zee nooden te dugten heeft, en drie scheepen door haar laading niet belemmert en dienvolgens in staat om zig te deffendeeren, hebben ook voor de Maaratteas en andere zee roovers niets te vreezen. De rijsen zouden bovendien korter vallen en in 5. â 6. maan „den kunnen worden gedaan, dat meede een voor naam artikel is. De scheepen konden dan te zaamen gekonjungeert de Cust vijlig en zonder Copia tien zonder eenige vreezen op en af zeijlen in steede van bewesten de lakkedirrs te moeten omloopen dat heele lange en onzeekere rijzen maakt en buijten ons ook niemand doet. Dit kunnen zelfs twee scheepen doen als ze op deeze wijze door haar laading onbelemmert zijn. De zeekerheid is niet te min grooter als 'er drie zijn, en wijl de scheepen met voordeel daartoe kunnen gebruijkt worden, volgt van zelfs dat het verkieslijker is daartoe liever daie dan twee scheepen te emploijeeren, te meer het zelfs voor de zeekerheid van sComp=s staat goed is om altoos een maatig getal scheepen in Jndien te houden. Tot Cochim toe hebben de scheepen niets te vreezen voor de Rooras. Het is waer de Marratters zijn eens tot Anjengo geweest dog dat is een enkeld geval waarop men niet reekenen kan en dat na de hoogste waarschijn „lijkheid niet meer gebeuren zal Dit is voor hun te verre van de hand en te kunnen hunne roofvlooten met meer voordeel en minder gevaar digter bij Huis gebruijken. Wanneer men 14 men nu op de belemmering die een grooter laa ding dan 9000: pikels in de diffensie der scheepen maakt, geen agt geeft, dan laat de ruijmte daarvan gemakkelijk toe om boven en behalven de voorsz: 9000 pikels nog min of meer 2000. pikels buijten het ruijm te laa„ „den. De quantiteijten die de scheepen zo als ze nu vaaren vervoeren, als men sComp=s en partikulier goed zaamen reekent, bedraagen dit ruijm en zijn mits dien daarvan een onwederspree„ „kelijk bewijs. Jndien nu de scheepen zoo tijdig van Ba „tavia gingen dat ze met het laatst van oktob: of uijterlijk met het begin van novemb: kunnen te Cochim zijn, dan konden deeze 2000 pikels daar worden gelost. Hieruijt konde werden gevonden het geen aan de scheeps vrin„ „den voor hunne lasten zoude moeten werden betaelt indien UW Hoog Edelheeden mogten agreëeren mijn nedrig voorstelt derwegens gedaan bij Mis„ „sive van den 25. decemb:r jongstl: of anders konde deeze ruijmte aan de scheepsvrinden worden gelaaten om die voor haare reekening te Copia tien ij te vullen in steede van haare gepermitteerde lasten. Te Batavia konde de zuijker daartoe uijt 'sComp=s Maguazijnen aan hun worden verstrekt teegens bij voorbeeld 8. ropijen de pikel dat iets meer is dan 'sComp„s prijs om daaruijt de administratie en andere ongelden te kunnen vinden. De Regeering van Cochim konde hun deeze zuijker wederom afkoopen voor reeke „ning van de Comp: teegens 12. rop=s de pikel zonder haar met eenige thollen of ongelden te beswaaren, dat de Comp: te Cochim 'er altijd voor geeven kan, en dan schiet 'er nog een klijn advans over. Dit zoude een tamelijk goed douceur voor de scheepsvrinden maaken voor het bedraagen van de zuijker konde aan dezelve een wissel gegeven worden op Suratte, gevestigt voor zoo veel de winsten aangaan op het behouden vaaren van het schip en in zo verre als een bodemarij. Het eijgen belang der scheepelingen zoude daardoor worden verbonden aan het behoud der Scheepen. Welmeenende luijden hebben zulk een prikkel om wel te doen niet noodig, dog daar
English
There are also those who think otherwise, and against that it is well to take precautions. At Cochim this sugar can be discharged in 5 to 6 days, and in that intervening time the ships could refresh themselves somewhat and provide themselves anew with water and whatever else they might need. They would then still be able to be in Suratte early enough to return all three together in the latter part of December with the cash and return cargoes for Europe and India. Suratte would in this manner have an annual vent of more or less 8000 cannassers of powder sugar. Cochim can also sell 7 to 8000 cannassers of powder sugar annually, not counting candy sugar, and Batavia would consequently be able to have a vent of 15 to 16000 cannassers of powder sugar annually through this alone. If the Jacatra sugar mills could depend upon that and upon a fixed price, they would perhaps be fully as well off as now, if the means proposed by the late often-mentioned Councillor Extraordinary Senff for the improvement of the sugar trade were put into effect, as enclosed in his aforementioned reflections from § 32 to § 42. The Company would then be sole master of the sugar trade, and thereby be able, so to speak, to fix the purchasing prices thereof. At Suratte I think that in such a case 12½ rupees for 100 pounds will always be stipulable, especially when care is taken at the same time to receive none but good and sound sugar, for that makes a very great difference in the sale, and complaints are often made about it by the merchants. From the aforementioned three ships for Suratte the Company could derive yet another advantage. The Macao traders who arrive annually at Cochim usually take a good parcel of kapok with them to China. They prefer the kapok of Suratte over the kapok of Porbandar and Cutch, which the Bombay vessels usually bring, and if Tellicherry has Suratte kapok, which they inquire about immediately, this often induces them to make the voyage thither. Usually they pay there for the Suratte kapok 110 to 120 rupees per Suratte candy of 690 lbs, and it never falls below 100 rupees. The price of the kapok here is usually, if one purchases it in time, 75, 80 to 85 rupees, and when therefore some hundreds of candies thereof were sent to Cochim with the ships returning from here, a moderate profit could still be made thereon, which is easily taken along. For Batavia itself the kapok could perhaps become an article to be sent thither from there with the Chinese vessels, which always have much empty space. The English annually transport many thousands of candies thereof from here and Bombay to China. For the greater part this is done with ships expressly fitted out for that purpose. These ships must find their expenses almost solely from the profits of the kapok and from the sugar which they bring back in return from China. And since the sugar in China itself is very dear, the profits thereon are not very large, and the kapok must therefore be sold quite high if anything is to remain over. The Company, on the other hand, would have almost no charges thereon. Out of the net profits of 15 per cent on the sugar that could be brought with three ships in the aforementioned manner, the charges of this Directorate can be fully made good according to the demonstration I have given thereof above. The Company would thereby retain, clear and without any deduction, the profits on the spices, the metals, and on the textiles, without these goods needing to bear any part in the ship charges. For further proof of this, I have drawn up an account of a shipload of 9000 piculs of sugar, which I take the liberty of sending herewith, and in which I have calculated all the charges that, according to my humble opinion, actually exist. I do this all the more because it appears to me, subject to correction, that in the model of a sugar account recently received from Batavia, the charges are here and there taken somewhat high, in case it might at times please Your High Noble Honours to have changes made therein. It goes somewhat against the purpose of a paper intended to judge this trade to display the charges larger than they actually are. Firstly, 3 guilders and 12 stuivers on the 100 lbs is, even in Indian money, somewhat too high for freight, and now that it is Netherlands money, as the sugar account sets down for it, the difference is in proportion thereto. On 9000 piculs, which a ship can easily load, this alone would amount to 40500 guilders or 33750 rupees, and thus 9750 rupees more than a ship at 3000 rupees a month for 8 months, at which the Suratte voyages are commonly reckoned, actually costs. Secondly, as far as the risk is concerned. The number of ships which the Company has had the misfortune to lose on the Suratte voyages, in comparison with the full number of ships that have been employed in this trade, seems to ensure the security
Dutch transcription
15 daar zijn ook die anders denken, en daar teegen is het goed te voorzien. Te Cochim kan deeze zuijker in 5. â 6. daagen worden gelost, en in die tusschen tijd konden de scheepen zig wat verversen en zig op nieuw van waater en wat ze verders nodig mogten hebben, voorzien. te kunnen dan nog tijdig genoeg te Suratte weezen om in het laatst van decemb: alle drie te gelijk terug te keeren met de kon„ „tanten en retouren voor Europa en Jndien. Suratte zoude op deeze wijze een jaar „lijks debit hebben van min of meer 8000. kan„ „nassers porder zuijker. Cochim kan ook jaar„ lijks 7. â 8000. kannassers poeder zuijker onge„ reekent de kandij zuijker verkoopen, en Batavia zoude mits dien hierdoor alleen een vertier kunnen hebben van 15. â 16000: kannassers poeder zuijker jaarlijks. Als de Jacatrate zuijker moolens daarop en op een vaste prijs konden staat maaken zouden ze 'er misschien ruijm zoo goed bij staen dan nu, indien te werk gesteld wierden de middelen door wijlen meerm: Heer Raad extra ordinair Copia tien ordinair Senff voorgesteld ter verbeetering van den zuijker Handel bij voorsz: zijne bedenkingen van §. 32. tot §. 42. ingeslooten. De Comp: zoude dan alleen meester zijn van den zuijker Handel, en daardoor de uijtkoops prijsen daarvan, om zo te spreeken, kunnen vast stellen. Te Suratte denk ik dat daarvoor in zulk een geval altoos 12½ rop: voor de 100. ponden zal te bedingen zijn, in zonderheid wanneer 'er te gelijk gezorgt word om niet dan goede en deugdzaame zuijker te ontfangen, want dat scheelt heel veel op den verkoop en daarover word dikwils door de koop„ „lieden geklaagt. van de voorsz: drie scheepen voor Suratte zoude de Comp: nog een ander voordeel kunnen hebben De Makausvaarders die alle Jaaren te Cochim aankoomen neemen doorgaans een goede partij ka „pok meede na China. te prefereeren de kapok van Suratte boven de kapok van Por„ bandaer en katjoen, die de Bombarassen ge „woonlijk aanbrengen, en als Tallickerij suratte kapok heeft, waarna zy zig aanstonds informeeren engageert 16 engageert haar dit dikwils tot de rijze na derwaerts. Gewoonlijk betaalen ze aldaer voor de suratsen kapok 110. tot 120. rop=s het surats kandijl van 690. lb: en nooijt loopt ze onder de 100. rop:s. De prijs van de kapok is hier doorgaans als men in tijds daarvan inkoop doet 75. 80. â 85. rox=s en wanneer dus met de van hier terug keerende scheepen eenige honderde kan„ „vijlen daarvan na Cochim gezonden wierden, zoude daarop nog al een maatige winst, die ligt meede te neemen is, te behaalen zijn. Voor Batavia zelfs zoude de kapok misschien een artikel kunnen worden om ze van daar met de Chinase scheepen, die altoos veel leedige ruijm te hebben, te verzenden na derwaerts. De Engelsen vervoeren jaarlijks van hier en Bombaij veele duijzende kandijlen daarvan na China Voor het grootere gedeelte geschied dit met scheepen die expres daartoe werden aangelegd. Deeze scheepen moeten bijna alleen hunne onkosten vinden uijt de winsten van de kapok en uijt de zuijker die ze van China in retour aanbrengen Copia tien oos en wijl de zuijker in China zelfs heel duur is zijn de winsten daarop niet heel groot, en de kapok moet daarom vrij hoog verkogt worden als 'er iets overschieten zal. De Comp: zoude daar en teegen daarvan bijna geene ongelden hebben Uijt de zuivere winsten van 15. p=r C=to op de zuijker die met drie scheepen op de voorsz: wijze konde werden aangebragt, kan ruijm worden goed„ „gemaakt de ongelden van deeze Direktie volgens de aantooning, die ik daarvan hier boven gedaan heb. De Comp: zoude daardoor zuiver en zonder eenige korting overhouden de winsten op de specerijen, de metaalen en op de lijwaaten zonder dat deeze goederen in de scheeps lasten behoeven te draagen. Tot nader bewijs hiervan heb ik opgemaakt een reekening van een scheeps laading van 9000. pikels zuijker, die ik de vrij„ moedigheid neem hiernevens te zenden, en waarbij ik bereekent heb alle de lasten die na mijn nedrig inzien werkelijk bestaan. Jk doe dit te meer om dat het mij onder verbeetering toeschijnt dat bij het onlangs van Batavia ontfangene 17 ontfangene moddel van een zuijker reekening, de lasten hier en daar wat hoog genoomen zijn, of het Uw Hoog Edelheeden zomtijds behaagen mogt daarin verandering te doen maaken. Het streijd eeniger„ „maaten teegen het oogmerk van een papier dat geschikt is om deezen handel te beoordeelen, de lasten grooter te vertoonen dan te werkelijk zijn Voor eerst is ƒ 3: 12. —. op de 100. lb: zelfs, aan Jndias geld wat te hoog voor scheeps vragt, en nu het Nederlands geld is, zo als de zuijker ree„ „kening daarvoor steld, verschilt het na maate van dien. Op 9000. pikels die een schip gemakkelijk laaden kan zoude dit alleen bedraagen ƒ 40500:—. of rop=s 33750: —. in dus 9750: rop:s meer dan een schip à 3000. rop=s smaands voor 8. maanden, waarop gemeenlijk de suratse rijzen gereekent worden, werkelijk kost. Ten tweeden wat de risiko aangaat. Het getal der scheepen die de Comp: het ongeluk gehad heeft te verliesen op de suratte togten in vergelijk van het volle getal der scheepen die tot deezen wandel zijn gebruijkt, schijnt de zeekertte Copia ten
English
surest ground to calculate them. I have therefore added behind the sugar account drawn up by me, a list of all the ships that were sent from Batavia to Suratte from the year 1756. up to and including the year 1775. From this it appears that the number of wrecked ships stands against the full number of sent ships as 100. against almost 4 / 7. if one also counts the ship Walcheren, or otherwise, and if one leaves this ship out of the account in consideration of the fact that it was wrecked in a manner which for many reasons can be considered not to belong among the common cases, as 100. against 3. In the sugar account, 5. p:r C=to has been set for the risk of the ships, and because it is an uncertain matter, and the aforementioned list of ships also speaks only of the outward voyage, it is not to make any objection against this stipulation that I mention it, only I believe that the goods cannot be considered to run a greater risk than 18 than the ships with which they are sent. For the ships, the Batavian sugar account now sets no risk upon return, the 5. p:r C=t risk charged for this must therefore be calculated for the outward and return voyages, and according to these grounds the risk of the goods for the outward voyage is not more than 2½. p:r C=to and not 5. p=r C=to as the sugar account sets for it. For the remittances the risk cannot well be taken higher than amounts to the capital that was paid upon purchase for the goods for which the remittances take place. This alone is ventured and not the profits that were made on the goods. If one does otherwise and first calculates 5. p:r C=t on the advanced capital and then again 5. p:r C=to on the money for which the goods were sold, and thus also on the profits, as was done in the aforementioned sugar account, then this calculates on the actually advanced capital of ƒ47720:11. —. which alone is ventured 14¼ p=r C=t. I have therefore in my sugar account taken the risk of 5. p:r C=to only on the purchase cost of the sugar. Thirdly, upon shipment the rupees give no other expenses than the chests in which they are stored, which is a trifle in comparison with ƒ1851: 15:— which were deducted for that in the aforementioned sugar account. I have therefore also left this item out of the account. Finally, fourthly, it seems to me that even if the Company actually had to bear 2. p:r C=to in charges on the rupees, and that one continues to calculate the risk as was done in the aforementioned sugar account, that then at least these charges on the rupees to the amount of ƒ1851:15. — and likewise also the charges of 2. p:r C=t on the sugar upon receipt and delivery again, to the sum of ƒ954:8:—, must be considered to have been paid out of the money that was realized for the goods. The risk is consequently only to be calculated on that which cleanly remains thereof and not, as the sugar account does, on the full sum, which cannot be sent. I have personally been to see the Company's buildings. The Warehouses and the residences for the Servants on the wharf are all reasonably good, and on them 19 9 need only small daily repairs to be done, as Your High Nobilities will see more broadly and in more detail in the report of the survey of the buildings recorded in the general transfer that goes over with the general letter. The new Hospital outside the wharf is less well conditioned. It is a weak building that in time will cost much in maintenance. The actual sick ward is moreover more suitable for a Warehouse than for the use for which it was made. In case Your High Nobilities should think fit to reduce the number of servants according to my proposal, this building can be sold. The chief surgeon can then live on the wharf, where the necessary rooms can also be cleared for the sick. They will then have to lie divided into rooms instead of being together, but even this is perhaps better than putting them all together in one ward, however somewhat large it may be. The air in such halls is so corrupted by natural exhalation that one infects the other. Of the Lodge in the inner city, which the Company holds in lease, it has already been pointed out repeatedly in earlier papers that it is altogether dilapidated, and the poor condition thereof will appear more clearly to Your High Nobilities from the aforementioned report of the survey of the buildings. A good part thereof has already collapsed from time to time. The use for which this Lodge still serves us at present indeed does not require such capital repairs to be done to it as are mentioned in resolutions of 25. Septemb: 1764. and which at that time, according to a Calculation recorded in the same Resolution, were estimated at over rup=s 113'000: That part, meanwhile, where we must store our returns cannot be dispensed with, and this is now so dilapidated and bad that one has to expect accidents from it every day. To repair that alone, a good sum will be necessary, and this must nevertheless happen.
Dutch transcription
zeikerste grond om die te bereekenen Ik heb daarom agter de door mij opgemaakte zuijker ree„ „kening gevoegt, een lijst van alle de scheepen die van Batavia na Suratte gezonden zijn van het jaer 1756. tot het jaer 1775. ingeslooten Hieruijt blijkt dat het getal der verongelukte scheepen staat teegens het volle getal der gezon„ „dene scheepen als 100. teegens bijna 4 /7. als men het schip Walcheren meede reekent, of anderzins en dat men dit schip uijt de ree„ „kening laat uijt aanmerking dat het veron„ „gelukt is op eene wijze die om veele reedenen geagt kan worden niet onder de gewoone gevallen te behooren, als 100. teegens 3. Bij de zuijker reekening is voor de risiko der scheepen 5. p:rC=to gesteld en wijl het eene wis„ „selvallige zaak is, en de voorsz: lijst der schee„ „pen ook alleen van de heen rijze spreekt is het niet om teegens deeze bepaaling eenige aanmerking te maaken, dat ik huerran mel„ „ding doe, alleen meen ik dat de goederen niet geagt kunnen worden grooter risiko te loopen dan 18 dan de scheepen, waarmeede te verzonden worden voor de scheepen nu steld de bataviate zuijker reekening geen risiko bij retour, de 5. p:r C=t risiko daarvoor opgebragt, moeten dus gereekent worden voor de heen en weeder rijzen, en naar deeze gronden is de risiko der goederen voor de heen rijze niet meer dan 2½. p:r C=to en niet 5. p=r C=to gelijk de zuijker reekening daarvoor steld. Voor de remisen kan de uschd niet wel hooger genoomen worden dan beloopt het kapitaal dat bij inkoop betaalt is voor de goederen daar de remisen voor geschieden Dit is alleen gewaagt en niet de winsten die op de goederen zijn behaalt. Doet men het an„ „ders en reekent eerst 5. p:r C=t op het uijtgeschooten kapitaal en dan wederom 5. p:r C=to op het geld, waar„ „voor de goederen zijn verkogt, en dus ook op de winsten, gelijk bij de voorsz: zuijker reekening is gedaan, dan bereekent dit op het werkelijk uijtge„ „ schooten kapitaal van ƒ47720:11. —. dat alleen ge „waagt is 14¼ p=r C=t. Jk heb daarom bij mijn zuijker reekening de risiko van 5. p:r C=to alleen genoomen op het inkoops kostende van de zuijker Ten Copia tien Ten deaden bij verzending geeven de ropijen geene andere onkosten dan de kisten, waarin te geborgen worden dat een kleenigheid is in vergelijk van ƒ1851: 15:— die bij de meerm: zuijker ree „kening daarvoor uijtgetrokken zijn. Jk heb ook daarom deeze post uijt de reekening gelaaten Eijndelijk ten vierden komt het mij voor, dat zo ook de Comp: werkelijk 2. p:rC=to aan ongelden op de ropijen, draagen moest en dat men de risi„ „ko blijft bereekenen zo als bij de meerm: zuijker reekening is gedaen, dat dan ten minsten deezen ongelden op de ropijen ten bedraage van ƒ1851:15. — en insgelijks ook de ongelden van 2. p:r C=t op de zuijker bij het ontfangen en weeder afgeeven, ter somma van ƒ954:8:—. moeten geagt worden te zijn betaelt, uijt het geld dat voor de goederen is ge„ proflueerd. De risiko is mits dien alleen te reekenen op het geene daarvan zuiver over „ blijft en niet zo als de zuijker reekening doet op de volle som, die niet kan verzonden worden 's Comp=s gebouwen heb ik zelfs weezen zien De Pakhuijsen en de wooningen voor de Dienaeren op de wiaf zijn alle reedelijk goed en daaraan behoeven 19 9 behoeven niet dan klijne daagelijkse reparatien te worden gedaan zo als uw Hoog Edelheeden dat breeder en omstandiger zien zullen bij het rap„ „port van den opneem der gebouwen ingeschreeven bij het generaal transport dat bij de gemeene brief overgaat. Het nieuwe Hospitaal buijten de werf is minder welgesteld. Het is een zwak gebouw dat met den tijd veel van onderhout kosten zal. Het eijgentlijk zieken vertrek is bovendien meer geschikt tot een Pakhuijs dan tot het gebruijk waartoe het gemaakt is. Jn ge valle Uw Hoog Edelheeden mogten goetvinden om naar mijn voorstel het getal der dienaeren te vermenderen kan dit gebouw worden verkogt. De oppermeester kan dan op de werf woonen daar ook voor de zieken ingeruijmt kunnen worden de nodige vertrekken. te zullen dan in steede van bij malkanderen te weezen in kamers moeten verdeelt leggen, dog ook dit zelfs is misschien beeter dan om ze alle te zaamen in een vertrek te leggen, hoe zeer ook wat groot. De lugt Copia tien lugt word in zulken zaalen door de natuurlijke uijtwaseming zo bedorven, dat den een den anderen aansteekt. van de Loge in de binnen stad, die de Comp: in huur heeft is reeds bij vroegere papieren te meermaalen aangeweezen dat ze ten eenemaal bouw„ vallig is, en de slegte gesteltheid daarvan zal Uw Hoog Edelheeden naader blijken bij het voorsz: rapport van den opneem der gebouwen. Een goed gedeelte daarvan is bereeds van tijd tot tijd ingestort. Het gebruijk waartoe deeze Loge ons thans nog dient vordert wel niet om daaraan te doen zulke kapitaale reparatien als vermelt zyn bij resolutien van den 25. Septemb: 1764. en welke in dien tijd volgens een ter zelver Resolutie ingeschreevene Calculatie begroot zijn op ruijm rop=s 113'000: Dat gedeelte ondertusschen daar we onze retouren moeten bergen is niet te missen, en dit is nu zoodanig bouwvallig en slegt, dat men 'er alle daagen ongelukken van te wagten heeft. Om dat alleen te repareeren zal een goede som noodig zijn, en dit moet nogtans geschieden
English
take place in order to be able to store the return goods therein without a visible danger of spoilage. To avoid this, the Company could rent another lodge, but then one runs the risk of falling into trouble with the owners of the old lodge, because the Company, upon taking it for rent, burdened itself with the maintenance thereof, and the owners will undoubtedly demand that this lodge be handed back to them in the same condition as the Company took it. This is in any case an encumbrance that the Company, even if it wished to break up immediately from Suratte, cannot escape, and which in time, with a government such as one has here, can give rise to very high demands. There is meanwhile no middle way, and either one or the other must take place as long as we have no permission to be allowed to receive the linens and the further return goods at our wharf. Therefore, upon my arrival here, I already had the Nabab sounded out as to whether there would be a possibility of this. This would provide great convenience in the management, and moreover relieve the Company of a perpetual expense of more or less 3500. rop=s per year, which is roughly the amount of the rent of the lodge, the annual relaying of the tiles, the maintenance of the linen tent, and the expenses that must be incurred to bring the linens first from the lodge to the linen tent and from there to the toll place, if one includes therein the servants that the Company must keep to guard the lodge. But the Nabab immediately spoke of so much that I had to abandon it then. Sometime thereafter he sent me one of his principal servants to request from me an advance on the tolls, and after several refusals I consented thereto solely to see whether, by granting the Nabab this convenience, I might advance the aforementioned objective. Consequently, I brought the matter up again and showed this servant that it is neither advantageous nor disadvantageous to the Nabab his master in his revenues whether the Company receives the linens in the lodge or at the wharf. The difficulties he raised against it consisted mainly in this: that our wharf lies in the outer city, and that if we shipped the linens through our own water gates, the Nabab would be less assured than at present that the tolls were not being defrauded. This pretext was easy to refute. Firstly, we receive nothing, nor do we ship anything, without having permission thereto from the Nabab, who also keeps his guards at our gates, who record what arrives or is dispatched. Furthermore, the value of the linens that are dispatched is incomparably less than the value of the incoming goods, such as the spices, the metals, and the sugar, which are handled at the wharf. I pointed this out to him, and that the Nabab was very well convinced that he suffered not the slightest detriment in his tolls thereby. He was candid upon this and said that although he did not wish to contradict this, it was not the custom of any native government to grant such favors, however harmless to them, without receiving a recognition for it. I then sought to know more specifically what it would ultimately come down to, and he declared to me that he thought the Company could obtain the permission to receive and ship the linens at the wharf for more or less 30'000: rop=s. As for paying the toll and stamping them there, he did not think the Nabab would agree to that, and he also believed that this would meet with great opposition from the English, whose toll personnel also assist in the stamping of the goods. Concerning the lodge, he said the Company would have to come to an agreement with the owners thereof, who had already complained repeatedly to his master that we were letting it fall entirely into ruin. He believed, however, that the Nabab would be willing to exert himself on behalf of the Company to the extent of helping them out of this matter in a reasonable manner. If I had had authorization from Your High Excellencies, I would have pursued the matter further, and perhaps, through the mediation of the English Governor Mr. Boddam, I might also have obtained the right to stamp at our wharf, but at present I dared not do it. Meanwhile, it seems to me that even if the Company had to spend something on it, this is preferable to repairing the old lodge or taking a new one for rent, even if one could satisfy the owners of the old lodge with a moderate sum. In both these cases, the Company remains burdened with the aforementioned annual expense. Consequently, I very respectfully request Your High Excellencies to strengthen me in this regard with Your Most Honorable orders. The newly made piling on the northeast side of the wharf mentioned in my aforementioned respectful [letter], I have since inspected more closely: for the greater part it lies underground, but as much as appears externally, it
Dutch transcription
20 geschieden om de retouren zonder een zigtbaar gevaar van bederf daarin te kunnen bewaaren De Comp: zoude om dit te ontgaen een andere Loge kunnen huuren, dog dan loopt men gevaer van in moeelijkheid te vallen met de Eijgenaers van de oude Loge, wijl de Comp: bij het in huur neemen derzelve zig met het onderhout daarvan heeft belast, en de Eijgenaers zullen ongetwijffelt eijsschen dat deeze Loge wederom aan haar werd overgegeven in die staat als de Comp: te genoomen heeft. Dit is in allen gevalle een lastpost die de Comp: al wilde ze ook aanstonds van Suratte opbreeken niet ontgaan kan en die in der tijd bij een Gouvernement als men hier heeft aanlijding geeven kan tot zeer hooge eijsschen. Daar is onder „tusschen geen middelweg en het een of het ander moet geschieden zo lang wij geen verlofs hebben om de lijwaaten en de verdere retouren op onze werp te moogen ontfangen. Jk heb daarom met mijn komst hier de Nabab bereeds doen onderlasten op hurtoe moogelijkheid zijn zoude Dit Copia tien Dit zoude veel gemak in de Huishouding geeven en bovendien de Comp: ontslaan, van een perpe tueele lastpost van min of meer 3500. rop=s 'sjaars, dat ongevaer beloopt de huur der Loge het jaarlijks verleggen der pannen, het onderhouden van de lijwaat tent en de ongelden die gedaan moeten worden om de lijwaaten eerst uijt de Loge naar de lijwaats tent en van daar na de thol plaats te brengen, als men daarbij reekent de bediendens die de Comp: houden moet om de Loge te bewaaren. Dog de Nabab sprak aanstonds van zo veel, dat ik doen daarvan heb moeten afzien. Eenige tijd daarna zond wij mij een zijner eerste bediendens om mij te verzoeken een vooruijt verstrekking op de thollen en ik heb na verscheijde wijgeringen daarin alleen gekonsenteerd om te zien of ik door de Nabab deeze gerieflijkheid te doen voorsz: oog„ merk zoude kunnen bevorderen. Jk bragt het zelve dienvolgens wederom ter baan en deed deeze bediende zien dat het de Nabab zijn Meester in zijne inkomsten nog voor nog nadeelig is 21 is of de Comp: in de Loge of op de werf de lijwaaten ontfangt. De zwaarigheeden die hij 'er teegen maakte, bestonden voornamentlijk hierin dat onze werf in de buijten stad legt en dat we den afscheep der lijwaaten door onze eijgen water poorten doende, de Nabab minder verzeekert zoude zijn dan thans, dat de thollen niet wierden gefraudeert. Deeze uijtvlugt was gemakkelijk te ontleggen. Voor eerst ontfangen wij niets nog we scheepen ook niets af zonder daartoe verlof van de Nabab te hebben, die ook zijne wagters aan onze poorten houd, welke aanteekenen wat 'er aankomt of verzonden word. Bovendien is de waarde der lijwaaten die verzonden worden ongelijk minder dan de waarde der aankoomende goederen als zijn de specirijen, de metaalen en de zuijker, die op de wirf behandelt worden. Dit toonde ik hem en dat de Nabab zeer wel overtuijgt was dat hem daarin geen de minste benaadeling in zijne thollen gedaan wierd. Hij kwam hier op ronduijt, en zeijde dat schoon wij dit niet wilde tegenspreken Copia tien tegenspreeken, het de gewoonte niet was van eenige Jnlandse Regeering om diergelijke gunst bewijzingen te doen hoe zeer ook voor hun on„ schaadelijk zonder daarvoor een erkentenis te ontfangen. Jk zogt doen wat naader te weeten waarop het eijndelijk uijtkoomen zoude en Hij verklaarde mij dat hij dagt dat de Comp: voor min of meer 30'000: rop=s zoude kunnen verkrijgen het verlof om de lijwaaten op de werf te moogen ontfangen en weeder afscheepen Het vertollen en chappen daarin dagt hij niet dat de Nabab zoude bewilligen, en Hij meende ook dat dit groote tegenstand bij de Engelsen vinden zoude, wiens thol luijden bij het Chappen der goederen ook assisteeren. Over de Loge zeijde Hij zoude de Comp: zig met de Eijgenaers daarvan moeten verdraagen, die zig reeds te meer maalen bij zijn meester hadden beswaert dat we dezelve zo geheel lieten vervallen. Wij meende egter dat de Nabab zig wel zo verre voor de Comp: zoude willen emploijeeren, om dezelve daarvan op een reedelijke wijzen. af te helpen Jndien 22 Jndien ik qualificatie van UW Hoog Edelheeden gehad had zoude ik de zaak verder vervolgt hebben en misschien had ik 'er ook door be middeling van de Engelse Gouverneur de Heer Boddam bij kunnen verkrijgen het regt om op onze werf te kunnen chappen, dog nu dorste ik het niet doen. Ondertusschen komt het mij voor dat zo 'er de Comp: ook wat voor besteeden moest dit verkieslijker is dan het repareeren der oude Loge of het in huur neemen van een nieuwe, al kon men ook de Eijgenaers van de oude Loge met een maatige som te vreeden stellen. De Comp: blijft in bijde deeze gevallen met de voorsz: jaarlijkse last beswaert. Jk verzoek uw Hoog Edelheeden dienvolgens zeer eerbiedig om mij hieromtrent met Hoogst Derzelver zeer g'eerde ordre te willen sterken Het nieuw gemaakte paalwerk aan de noord oost zijde van de weaf vermelt bij voorsz: mijn eerbiedige heb ik zeedert naader bezigtigt: voor het grootere gedeelte legd het onder de aarde dog zo veel daarvan uijterlijk blijkt, komt het Copia ten
English
to me that it was ordered reasonably well, and that it has likewise been executed well. Only, the piles might have been somewhat thicker and the revetment itself somewhat more closed in order to prevent the continuous spilling out of the earth. That this work has cost a great deal is beyond doubt, but in order to calculate it to some extent it would have to be excavated, which cannot be done without great difficulty and expense, and even not without damaging the work more or less. I am therefore even somewhat of the opinion that sending an Engineer to examine it, as Your High Nobilities have considered, will not fully achieve the objective. In the meantime, in order to elucidate Your High Nobilities in this regard as much as possible for me, I have examined somewhat closer the specifications that have been received concerning it and informed myself about various entries that appear in them and, in my view, are to be suspected with good reason. In the heading of the specification of what was spent in cash to the sum of rdp:s 32486. — it is stated, for example, that a Jamadaer and 55. sepoys from the Lord City Governor stood guard behind or past Ombra for 61. days. These served, the specification says, to cover and secure the diggers and workers against the violence and nuisance of a pandit and 50. horsemen of the Marathas, who wanted to absolutely prevent the fetching of earth by force of arms. If it had been true that the Marathas attempted to prevent this with 50. horsemen, then 55. sepoys were certainly not capable of resisting them. This needs no proof. All that I have been able to learn in this regard is that some inhabitants living under the Maratha government were somewhat dissatisfied about the removal of the earth, and that a native chief of this city named Siddie Jaffer, particularly commissioned to maintain public security, upon the request made to him to that effect, sent two or three peons to prevent any difficulties. These peons received a quarter rupee or something like that per day. For this entry, rop:s 1769. has been entered in the specification for wages and board, and rop=s 180. for a gift, or together rep:s 1949:. Furthermore, in the heading of this specification, mention was made of the construction of a new small house of a Dessaij, and for this there has been entered in the specification rop=s 616: 18: for materials, and ro: 134: 15. in cash, or together rop=s 750: 33:. No such small house was built for the Dessaij; only, as is said, a small gift was given to this man as compensation for a small native house that stood in the way of the completion of the piling work and therefore had to be demolished. The number of entered workmen is very large, but the excesses that may have been committed therein cannot be determined now. On the other hand, it seems very evident that a considerable abuse lies in what was entered for the horries and proas with which the clay and earth for filling the work were brought. This clay and earth was fetched from across the river, partly in sight of the shipyard and partly opposite the village of Ombra, which is situated not half an hour from the city. The trips were therefore very short, and according to all information that I have been able to obtain, for the largest horries used in this work, both for the hire of the horries and for the loading and unloading again of the earth, and thus in total, no more than six rupees was paid for each trip, and for the smaller horries and proas proportionally. I place all the more reliance on these reports because one can get this work done for that at any moment. In the aforesaid specification of what was spent in cash, an amount of rop=s 7006:—: has been entered for loading and unloading them, and in the specification of the materials one finds this same number of horries and proas entered again for hire with an amount of rop=s 5386: 24:. According to the extension of these two specifications, when one totals the entries listed there, there was borne by the Company 18. rupees for the large horries of 30. lasts, 13½ rop: for those of 20. lasts, and for the lesser vessels in proportion thereto. In the entering of the materials they have also helped themselves rather greedily. The Company's Modi, a man very well known from earlier papers, generally had the delivery thereof, especially of the beams that were used for the piling work, and besides that, he says, nothing else was used for it than a trifle that was a remainder from the construction of vessels, as I believe. This entry is the principal one and can serve as an example for the others. According to the aforesaid Modi's notes, there were delivered by him in total 778. beams, which together measured 1430. gesses, namely 1422 3/40. ges of Damani wood
Dutch transcription
het mij voor reedelijk wel te zijn geordonneert, en dat het insgelijks wel uijtgevoert is. Alleen hadden de paalen wel wat dikker en het wrak zelve wat meer geslooten moogen zijn ter voorkooming van het gestaadig uijtschieten der aarde. Dat dit werk veel gekost heeft is buijten twijffel, dog om het eenigermaaten te kunnen bereekenen zoude het moeten worden opgegraaven dat niet dan net veel moeijte en ongelden geschieden kan en zelfs niet zonder het werk min of meer te beschaadigen. Jk ben daarom zelfs eeniger maaten van begrip dat het zenden van een Jngenieur om het te examineeren gelijk Uw Hoog Edelheeden in gedagten genoomen hebben niet al te volkoomen aan het oogmerk zal kunnen voldoen. Om Uw Hoog Edelheeden onder„ „tusschen zo veel mij dat moogelijk is derwee„ „gens te kunnen elucideeren heb ik de specifica„ „tien die daarvan ingekoomen zijn wat naader nagegaan en mij geinformeert na deeze en geene posten die daarbij voorkoomen en na mijn inzien met veel gronds te verdenken zijn Jn 23 Jn het Hoofd der specificatie van het uijtgegevene in kontant ter somma van rdp:s 32486. — staat bij voorbeeld dat een Jamadaer en 55. sipaijn van den Heer Stads Gouverneur 61. daagen de wagt gehad hebben agter of voorbij Ombra Deeze hebben gedient, zegt de specificatien, tot dekking en bevijliging der graavers en arbeijders teegens het geweld en overlast van een pandet en 50. Ruijters der Maaratters, die gewapender hand het haalen van aarde absoluut hebben willen beletten. Jndien het waar was geweest dat de Marratters dit met 50. Ruijters hebben getragt te beletten, dan waaren 55. sipaijen zeekerlijk niet in staat om hen te wederstaen. Dit behoeft geen bewijs. Alles wat ik dewwegens heb kunnen te weeten krijgen is, dat eenige inwoonders staande onder de Marrattate Regee„ ring over het weghaalen der aarde wat te on„ vreeden zijn geweest en dat een Jnlands Hoofd deezer stad genaamt Siddie Jaffer, in het bezonder gechargeert om de publike vijlig „heid te maintineeren, op het verzoek daartoe aan Copia tien aan hem gedaan twee of drie pions gezonden heeft om alle moegelijkheeden te voorkoomen Deeze pions hebben een quaat ropij of zo iets 'sdaags genooten. voor deeze post is bij de specificatie opgebragt voor gagie en kostgeld rop:s 1769. en voor een geschenk rop=s 180. of te zaamen rep:s 1949: Nog werd in het hoofd van deeze specificatie melding gedaan van het opbouwen van een nieuw Huisje van eenen Dessaij en daarvoor is bij de specificatie opgebragt aan materiaalen rop=s 616: 18: en aan kontant ro: 134: 15. of te zaamen rop=s 750: 33: zulk een Hunsje voor de Dessaij is 'er niet gebouwt, alleen is er, zo men zegt, aan deeze Man een klijn geschenkje gedaan tot een dedomagement van een klijn Jnlands Huisje dat ter vol„ „tooijing van het paalwerk in de weg stond en mits dien heeft moeten werden weggebrooken Het getal der opgebragte werkslieden is heel groot, dog de excessen die daarin kunnen zijn begaan, zijn nu niet te bepaalen. Daar en teegen schijnt het heel blijkbaer dat 'er een 24 een aanmerkelijke abuijs steekt in lut opge„ „bragte voor de ttorries en praauwen, waarmeede de klij en aarde tot opvulling van het werk aangebragt is. Deeze klij en aarde is gehaalt aan de overlijden van de rivier gedeeltelijk in het ge„ „zigt van de werf en gedeeltelijk teegen over het dorp Ombra dat geen half uur van de stad af legt. De togten zijn dus heel kort geweest en naar alle informatien, die ik heb kunnen bekoomen is voor de grootste Horries bij dit werk gebruijkt beide voor de huur der Horries en voor het inlaaden en weeder ontlossen der aarde en dus in alles niet meer betaelt dan ses ropijen voor elke togt, en voor de klijnere Horries en praauwen naar advenant. Jk maak te mier staat op deeze berigten om dat men alle oogenblikken dit werk daarvoor gedaan krijgen kan. Bij de voorsz: specificatie van het uijtgegevene in kontant is voor het laaden en lossen derzelve opgebragt een bedraagen van rop=s 7006:—: en bij de specificatie van de mate Copia rij tien materiaalen vind men wederom dit zelfde getal van Horries en praauwen voor huur opgebragt met een bedraagen van rop=s 5386: 24: Volgens de extensie deezer twee specificatien als men den daarbij opgebragte posten te zaamen trekt is bij de Comp: gedraagen voor de groote Norries van 30. lasten 18. ropijen, voor die van 20. lasten 13½ rop: en voor de mindere vaartuijgen na maate van dien Jn het opbrengen der materiaalen is meede wat grof toegetast. SComp=s Moedie een Man bij vroegere papieren zeer bekent, heeft over het algemeen de leverantie daarvan gehad, speciaal van de balken die tot het paalwerk zijn verbruijkt, en buijten dien zegt wij is daar toe niets anders gegaan dan een kleenigheid dat een overschot geweest is van den aanbouw van vaartuijgen zo ik meen. Deeze post is de voornaamste en kan ten voorbeeld van de andere dienen. Volgens de voorsz: Moedie zijne aanteekeningen zijn door hem in het geheel geleevert 778. balken, die te zaamen gemeeten hebben 1430. gessen, te weeten 1422 3/40. ges damani hout
English
25 wood at 6 rupees the piece, and 7 17/10 pieces of dendoegera wood at 4 3/8 rupees the piece, amounting together in money to rupees 8568 1/4. In the specification of the materials, on the other hand, there have been written off for this 2118 pieces of dammar wood at 8 rupees the piece and 49 pieces of dendorgera wood at 5 1/2 rupees the piece, making in money rupees 17217. 24. All this has moved me to confer with the members of the council of that time on this matter, especially regarding the two first-mentioned items, namely the Company sepoys of the Nabob and the building of a house for the Dessai, both matters that consist of tangible facts and consequently can best be known by everyone. The same have declared to be ignorant of the state of this matter, and the second, Sluijsken, whom I addressed in particular about this, brought forward in his discharge that it has hitherto not been the custom here for such specifications to be examined first by the head administrator, and that when these specifications were served in the council, he had by inadvertence not paid attention to what I have pointed out from the same above. In my previous respectful address, I took the liberty to report to Your High Excellencies the reasons why the rupees 35000 for this work had not been deposited, but since the excesses have since appeared so clear to me, and since it is primarily the duty of the department of the head administrator to guard against them, I have, according to what was recorded in the resolutions of 17 March last, not dared to take upon myself to leave Your High Excellencies' order on this matter, insofar as it concerns the second, unexecuted. For although these specifications were not first submitted to him for examination, it was nevertheless his duty to pay attention to them when they were served in the council. I have therefore ordered the said second, in dutiful compliance with Your High Excellencies' most esteemed order, to pay his share in the aforementioned sum of rupees 35000, which, according to the indication made in the same resolution, amounts to a sum of rupees 5912, which I 26 will have entered in reduction of the account that runs here for the debit. Regarding the other members, I have made no change in the decision of 13 December last, unless it might perhaps please Your High Excellencies first to ask for a report on this matter from the former equipment master Van der Hegge, who signed the specifications, for which in particular the secretary Wiarde, who is a fellow participant in this assessment, made a request according to what was recorded in the aforementioned resolution. These members are certainly as little to be completely exonerated as the head administrator for having voted so thoughtlessly on all these things, but what does not the example of such a predecessor as the former director Bosman do, as he was to them all. According to the general testimony of those who knew him here, he not only encouraged the people to carelessness, not to say anything worse, but he even boasted of it to his subordinates and anyone who cared to hear it, when he had found an opportunity somewhere to shortchange the Company. Several samples of his perverse and improper conduct will appear to Your High Excellencies in a memorial submitted by the second to the council on 17 March, which is transmitted among the enclosures of the general letter. The said second refers in the same to the testimony of all the members who held a seat in the council at that time and are still present here, and Your High Excellencies will see from the notes kept on that day that all the aforementioned members have acknowledged the truth of the points regarding which the said second refers to their knowledge and acquaintance in the same memorial, among others of two cases occurring therein, the first namely, that the Nabob had already received permission from the government of Bombay to seize the Company's yard on account of the private debts of the former director Bosman, and that he would indeed have done so if the second had not exerted himself with so much zeal and willingness with the English regents 27 both here and in Bombay to prevent this and to satisfy the creditors; the other regarding the force that the said former director Bosman had intended to use in order to compel him, the second, to deliver various trade goods, notwithstanding that it was known that he wanted to use the proceeds thereof to pay off his private debts. The Company's affairs in general seem to have been managed by the former director Bosman with the utmost wildness and without any reflection, and if he had not been restrained now and then and somewhat set right from his errors, it is very plausible that this trading post under his management would have run great danger of being entirely lost. As I have been told, and I have very much reason to believe it, the malice and unfaithfulness of the aforementioned former director Bosman toward the Company goes so far even now, that not content with having thus
Dutch transcription
25 hout â 6. rop:s de ges, en 7 17/10. ges dendoegera hout à 4 3/8. rop„s de ges bedraagende te zaamen aan geld rop=s 8568 1/4: Bij de specificatie der materiaalen zijn daar en teegen daarvoor afgeschreeven 2118: gessen damaii hout à 8. rop=s de ges en 49. gessen den „dorgera hout â 5½. rop=s de ges uijtmaakende in geld rop=s 17217: 24. — Dit alles heeft mij bewoogen om de Leeden van de vergadering van die tijd daarover te onder„ houden, in zonderheid over de twee eerstgem: posten namentlijk de Comp: sepaijen van de Nabab en het opbouwen van een Huis voor de Dessaij bijde dingen die in feijten bestaan en dien „volgens bij een elk best kunnen geweeten worden Dezelve hebben verklaert te ignoreeren wat hiervan zij en de sekunde Sluijsken die ik daarover in het bezonder heb aangesprooken heeft ter zijner decharge ingebragt, dat het hier tot nog toe buijten gebruijk geweest is dat diergelijke specificatien door den Hoofd adminis„ „trateur eerst worden gexamineert, en dat wij toen deeze specificatien in de vergadering gedient hebben Copia tien hebben bij inadvertensie niet heeft gelet op het geene ik hier booven uijt dezelve aangewezen heb Bij mijn voorgaande eerbiedige heb ik de vrijheid gebruijkt Uw Hoog Edelheeden te melden de reedenen waarom de rop=s 35000: voor dit werk niet waaren genamptiseert, dan wijl de excessen mij zeedert zoo duijdelijk gebleeken zijn en dat het voornamentlijk van het departement van de Hoofdadministrateur is om daar teegen te waaken heb ik volgens het aangeteekende ter Resolutien van den 17. Maert jongstl: niet op mij duaren neemen om Uw Hoog Edelheeden ordre op dit stuk zo verre ze de sekunde betreft, te laaten buijten exekutie, want ofschoon deeze specificatien hem niet eerst ter examinatie zijn overgegeven is het niet te min van zijn pligt geweest om daar „op te letten toen ze in de vergadering hebben gedient. Jk heb daarom gem: sekunde gelast om in schuldige voldoening aan Uw Hoog Edelheeden zeer g'eerde ordre zijn aandeel in de voorsz: som van rop=s 35000: te betaalen, het welk volgens de ter zelver Resolutie gedaane aanwijzing be „draagt eene somma van rop=s 5912: die Mk in 26 in mindering van de reekening die hier voor de „bet loopt, zal doen inneemen. Omtrent de overige Leeden heb ik in het besluijt van den 13. ' decemb: jongstl: geen verandering gemaakt, of het uw Hoog Edelheeden zomtijds konde behaagen om eerst van den geweezen Equipagie opzigter van der Hegge die de specificaties heeft getee „kent, hierover berigt te vraagen, waartoe in het bezonder de secretaris wiarde die een meede deelgenoot in deeze belasting is, volgens het aangeteekende ter voorm: Resolutie, heeft verzoek gedaen. Deeze Leeden zijn zeeker„ „lijk zo min dan de Hoofdadministrateur geheel vrij te spreeken dat ze zo onbedagtzaam in alle deeze dingen hebben gestemt, dog wat doed niet het exempel van zulk een voorganger als de geweezen Direkteur Bosman voor hen allen geweest is. volgens het algemeen getuijgenis der geene die hem hier gekent hebben moedigde hij niet alleen de luijden aan tot zorgeloosheid om niets ergers te zeggen, maar Hij droeg 'er zelfs bij zijne mindere en die het maar hooren wilden, roem op, als hij geleegentheid gehad had de Copia rij tien de Comp: hier of daar in te verkorten: verschijde staaltjes van zijn verkeerd en wanschikkelijk gedrag zullen uw Hoog Edelheeden voorkoomen bij een Memorie door de sekunde den 17. Maert in de vergadering overgegeven, welke onder de bijlaagen van de gemeene brief overgaat. Gem: sekunde beroept zig in dezelve op het getuij„ „genis van alle de Leeden die ter dier tijd sessie in vergadering gehad hebben en hier nog aanwee„ „zig zijn en Uw Hoog Edelheeden zullen uijt de aan „teekeningen ten dien daage gehouden, zien, dat alle de voorsz: Leeden de waarheid hebben erkent van de pointen, waaromtrent Wij sekunde zig bij dezelve Memorie op haar kennis en weeten „schap beroept, onder anderen van twee daarbij voorkoomende gevallen, het eerste namentlijk, dat de Nabab reeds realof gehad heeft van de Re„ „geering van Bombaij tot het doen bezetten van sComp=s werf om de wille dir partikuliere schulden van den geweezen Direkteur Bosman en dat hij het ook met der daad zoude hebben gedaan, indien zig de sekunde niet met zo veel eiver en wilineenentheid had geemploijeert bij de Engelse Regenten 27 Regenten zo hier als te Bombaij om dit te voorkoomen en de schuld eijsscheren te vreede te stellen; het andere van het geweld dat gem: ge„ „weezen Direkteur Bosman voorgenoomen had te gebruijken om hem sekunde te dwingen tot het laaten verstrekken van diverse Negotie goederen, niet tegenstaande dat het bekent was dat wij het provenu daarvan wilde doen dienen ter afbetaaling zijner bezondere schulden. 'sComp=s zaaken schijnen over het algemeen door de ge „weezen Direkteur Bosman met de uijterste woestheid en zonder eenig nadenken te zijn bestiert, en zoo Hij niet nu en dan was weder„ „houden en van zijne dwaalingen eenigermaaten te regt gebragt is het zeer geloofbaar dat dit Comptoir onder zijn bestier veel gevaar zoude geloopen hebben om ten eenemaal verlooren te gaen. zoo men mij heeft verhaalt en ik heb zeer veel gronds om het te gelooven gaat de boosheid en ontrouw van meerm: geweezen Direkteur Bosman teegens de Comp: nu nog zo verre, dat hij niet vergenoegt van waar Ed: dus Copia tien
English
thus having served poorly and having abandoned his office in a shameful manner, spouts all kinds of slanders in Bombay, where he still resides to this day. From the Company's letters and other papers, of which he has taken copies, he seeks to show anyone who has the patience to listen to him that he is treated unfairly and unlawfully, and he furthermore divulges everything he still remembers of the Company's affairs. He even lets it be known publicly that he intends to demonstrate to the English Government that, by letting our ships fly a masthead flag in the roads, we arrogate to ourselves a right that does not belong to us, and that he will cause the Governor and Council at Bombay to revoke a permission that I received from Mr. Boddam to have a piece of land situated next to our shipyard prepared as a stable, which was purchased for the Company under the administration of the said Bosman himself and has hitherto remained without any use. This is indeed in itself a lot of idle chatter, yet it clearly shows what one would have to expect from him if he actually knew how to do the Company a disservice. The list of the imported cargoes, both here and in Bombay since my recent respectful letter, is enclosed herewith, from which I take the liberty merely to remark that I suspect that the spices brought to Bombay by the English Company's ship mentioned in this list were purchased from the Company at Cochin, because this ship departed from here last December and did not go further than to Anjengo. I have nevertheless given orders to investigate this and likewise to make as many inquiries as possible into where the ship of the Parsi Merchant Hierjie Reddi Monni obtained the 39 chests of cloves brought with it. Speaking about this recently with the Brokers to urge them to spare no effort to learn how private individuals obtain the spices that are sometimes brought here and to Bombay in order to be able to take measures against this, I accidentally discovered that these Brokers themselves, some three or four years ago, bought 5754 pounds of cloves that were brought in casks by one of our Batavian ships, of which they say that the former Director Bosman had knowledge, which is also very probable, because one cannot think that anyone among the Company's subordinates would otherwise dare to sell such a considerable quantity of spices to the Company's Brokers themselves. It even seems not to be the only time that this has happened. Of the private letters for the former Director Bosman brought with the ship Ouwerkerk, four or five were delivered to me, which I allowed to lie for some time without handing them over. The first Clerk having since informed me that he had a commission from the said former Director Bosman to be allowed to open his letters if this were deemed necessary, I had this carried out in my presence, and a judicial record thereof was kept by the said first Clerk. Among the said letters, one was found from the junior merchant Hendrik Brugman, in which there was a current account, according to which the said former Director still has a credit with this Brugman of rd=s 640: 21: an authentic copy of this account is enclosed herewith. The remaining letters contained nothing that concerns the Company. Regarding the expenses incurred in 1775 on the smalschip the Mosselschulp to prepare it for the voyage to Batavia, the Master of Equipage Boelen submitted a report that is inserted in the Resolution of 17 January last, and I take the liberty, with respect to this item, to refer to the aforementioned Resolution and the general letter departing today, in which the same is dealt with. The smalschip the Mosselschulp fetched at sale rop=s 533: 46: less than the amount expended both to the Marathas and to refit it, if one deducts from the Memorandum inserted in the Surat Resolutions of 13 June 1772, the full amount of which was charged to that vessel, the expenses incurred to obtain the passes, as indicated in the Missive of 30 April 1776. I therefore take the liberty to request Your High Noblenesses for further orders on this matter, whether it might perhaps please the Same to pass this, in consideration that when reclaiming the Mosselschulp it could not be so precisely foreseen what the expenses for it would amount to and what the vessel for which they were incurred was worth. The manner in which the account is kept of the Moorish seafarers who are taken into service here for Batavia gives a great deal of work to the pay bookkeeper due to their great multitude, and since the extensiveness of the work itself can easily give rise to some errors, I hope that it will not be displeasing to Your High Noblenesses
Dutch transcription
dus quaalijk te hebben gedient en zijn ampt op een schandelijke wijze te hebben verlaaten, te Bombaij daar wij zig tot nog toe ophoud, aller „hande lasteringen uijtbraakt. uijt 'sComp=s brieven en andere papieren, waarvan hij de Copijen heeft genoomen, zoekt Hij een elk die het gedult wil hebben van hem aan te hooren, te doen zien, dat men hem onbillijk en onregt„ „maatig behandelt en Hij divulgeert voorts alles wat hem van sComp=s zaaken nog voorstaat Wij laat zig zelfs in het publik verluijden dat hij het Engels Gouvernement wil aantoo„ „nen dat wij met onze scheepen een top vlag op de Rheede te laaten voeren ons een regt aro„ geeren dat ons niet toekomt, en dat wij bij de Gouverneur en Raad te Bombaij zal doen in „trekken een verlof dat ik van de Heer Boddam gekreegen heb om tot een stal te laaten vervaar „digen een stuk grond naast onze werf geleegen het geen onder het bewind van hem Bosman zelve voor de Comp: is ingekogt en tot nog toe buijten eenig gebruijk gebleeven is. Dit is wel 28 wel op zig zelve een partij ijdel geklap, dog het toond klaarlijk aan wat men van hem te wagten zoude hebben indien wij de Comp: werkelijk ondienst nist te doen De lijst van de aangebragte laadingen zoo hier als te Bombaij zeedert mijn jongst eerbiedige gaat hiernevens, waaruijt ik de vrijheid gebruijk alleen aan te merken dat ik vermoede dat te Cochim van de Comp: gekogt zijn de specerijen die te Bombaij zijn aangebragt met het Engels Comp=s schip bij deeze lijst vermelt, wijl dit schip in decemb: jongstl: van hier vertrokken en niet verder geweest is dan tot Aujengo. Jk heb egter last gegeven om dit te onderzoeken en insgelijks zoo veel moogelijk naspooringen te doen waar het schip van den Persis Koopman Hierjie Reddi Monni gekoomen is aan de daarmeede aangebragte 39. kisten nagelen. Onlangs hierover met de Makelaers spreekende om hen aan te spooren dat te geen moeijte mogten ontzien om te ervaaren hoe de partikuliere koomen aan de specerijen die zomtijds hier Copia ten rij hier en te Bombaij worden aangebragt ten eijnde daar teegen te kunnen worden voorzien, ontdekte ik toevallig dat deeze Makelaers zelve nu een jaer of drie vier geleeden gekogt hebben 5754. ponden garioffel nagelen die met een onzer bataviase phee„ „pen in vaaten aangebragt zijn en waarvan ze zeg„ „gen dat de geweezen Direkteur Bosman heeft kennis gehad, het geen ook zeer probabel is, wijl men niet denken kan dat iemand van Comp=s onder„ „hoorige het anders waagen zoude zulk een aan „merkelijke quantiteijd specerijen aan Comp=s Ma„ „kelaers zelve te verkoopen. Het scheijnd zelfs net de eenigste reijs te weezen dat dit is gebeurt. van de partikuliere brieven voor de geweezen Direkteur Bosman met het schip Ouwerkeak aangebragt, zijn er vier of vijf bij mij bestelt, die ik een wijl tijd heb laaten leggen zonder te af te geeven. De eerste Clerk mij zeedert berigt hebbende dat Hij van gem: geweezen Di„ rekteur Bosman kommissie had om zijne brieven te moogen openen indien dit noodig geoor„ „deelt wierd, heb ik zulks in mijne tegenwoordigheid laaten verrigten en is door gem: eerste Clirk daarvan 29 daarvan gehouden een geregtelijke aanteekening Onder gem: brieven is 'er een gevonden van den onderkoopman Hendrik Brugman, waarin was een reekening kourant, volgens dewelke gem: geweezen Direkteur bij deeze Brugman nog te vooren staat rd=s 640: 21: van deeze reekening gaat een kopij autentik hier ingeslooten De overige brieven hebben niets ingehouden dat de Comp: interresseert. Nopens de ongelden in 1775. gedaan aan het„ smalschip de Mosselschulp om het tot de rijze na Batavia in staat te stellen heeft den Equipagie opziender Boelen ingedient een brricht dat geinserreert is ter Resolutie van den 17. Jann: laatsleeden en ik gebruijk de vrijheid mij met betrekking tot deeze post te ge „draagen aan de voorsz: Resolutie en de heeden afgaande gemeene brief, waarbij dezelve ver handelt word. Het smalschip de Mosselschulp heeft bij verkoop rop=s 533: 46: minder gedaan dan beloopt het uijtgegevene zo aan de Marratteas als Copia vi ten als oms het wederom in staat te brengen, als me„ van de Memorie geinserreert bij de suratte Resolutien van den 13. Junij 1772. waarvan het volle bedraagen ten laste van dat vaartuijg gebragt is, aftrekt de ongelden die gedaan zijn tot het verkrijgen der passen, zo als dat aangeweezen is bij Missive van den 30. April 1776. Jk gebruijk dierhalven de vrijheid Uw Hoog Edelheeden naader ordre op dit stuk te verzoeken of het Hoogst Dezelve zomtijds behaagen mogt dit te passeeren uijt consideratie dat bij het terugvraagen van de Mosselschulp het zo naauw niet heeft kunnen worden voorzien wat de ongelden daartoe beloopen zoude en wat het vaartuijg waartoe te gedaan wierden, waard was. De wijze, op welke gehouden word de ree„ „kening der Moorte zeevaarende die hier in dienst genoomen worden voor Batavia, geeft zeer veel bezigheid aan de zoldij boekhouder door derzelver groote meenigte, en nadien de uijtgebreijdheid van het werk zelve ligtelijk oorzaak geeven kan tot eenige abuijsen, hoop ik dat het uw Hoog Edelheeden niet ongevallig zijn
English
30 may be that I am somewhat detailed about this, in order to indicate how this work, in my humble view, could be shortened and brought to a more suitable footing. These Moorish seafarers are procured by people traditionally used for that purpose, who are commonly called soul sellers. They make a list thereof, to which they add as many names as they have delivered common men, at their discretion, and with these names each of the sailors receives an account in the pay ledger. Meanwhile, none of them knows their own name, which one can test at any moment by having them called up by their names. For that reason, the muster that is conducted here over them when they are on board is also done solely by headcount, as far as the common sailors are concerned, and if there are dead or absent persons, just as many of the names submitted by the soul sellers are indiscriminately taken from the lot, which are then not entered into the pay ledger. It is thus a very superfluous task that has Copy no utility at all to keep an account for each of these common Moorish seafarers, and if Your High Nobilities could approve that, instead thereof, no more than a single account be given to each gang in the trade ledger, this would shorten the work infinitely and, I think, give less rise to discrepancies, which usually turn out to the disadvantage of the Company. The management regarding hiring, discharging, and making settlements could otherwise be left to the pay bookkeeper. On such an account for an entire gang, the 5 months' wages that are given here to the sarangs, tandels, and common sailors when they go on board could be debited in one sum, as well as the 2 months' wages that are distributed to the families after they have been at sea for a year. With this, one could let the matter rest and do nothing further to this account until the men return again to Suratte, in order to then settle and close accounts with them. Or 31 if Your High Nobilities find it better to have the debits made thereon every year, this can also be done; for that purpose, it only needs to be communicated annually from Batavia what has been supplied to such a gang. The gangs could to some extent be determined by the number of ships with which these Moorish seafarers are dispatched. If a ship takes roughly 100 men, one could divide them into two gangs; otherwise, and if the number thereof does not exceed 50 to 60, one could make a single gang of it. And because such large gangs would sometimes have to be divided, especially when they are employed on the ships, a gang of 50 men and above could, so that the men always remain serving under their own officers, be placed under one sarang, one sarang's mate, one tandel, and one tandel's mate, which corresponds closely to the number of officers who, according to the present footing, are placed with these men Copy when they leave from here. Upon departure from here to Batavia, a separate muster roll could be sent for each gang, on which the officers could be stated by name and the common men solely by number. These muster rolls could be kept in Batavia as a master list of such a gang. After their arrival in Batavia, the men could immediately be mustered, and further from month to month. Those who were found at each muster to be deceased or absent could be noted on the aforementioned original muster roll, and a copy of this original roll with the notes kept thereon could, with Your High Nobilities' pleasure, be sent to Suratte when such a gang returns after the expiration of their bound time, in order thereafter to be able to calculate what they have earned from time to time. On the monthly muster rolls, the payment warrant could be issued, and 32 since the provisions to the Moorish seafarers are currently set by Your High Nobilities at 8 months in the year, 2/3 part of the wages they earn could be given to them every month, whether they ask for it or not, in order to always maintain an even account with them. If at the monthly muster men are found to be lying in the hospital, this could be indicated on these rolls, and on the payment warrant, which could be written at the bottom of this muster roll, it would only need to be noted how much thereof must go to the hospital, to be deducted by the cashier and paid by him to the hospital director. In the latest pay ledgers, there have continued to run: 46 sarangs, 51 tandels, and 921 sailors divided into 53 gangs. This same number of men, if one enlarged the gangs, could be divided into 18 gangs under 72 officers, and with the keeping of the accounts Copy of each of these 18 gangs, one would have little more work than one now has with keeping the account of a single man. In the hospital, according to this arrangement, the Moors could hardly pay more than half their wages, and the Company would have to bear the remainder, but this small burden would, I guess, be amply compensated by other advantages. If the men are paid regularly on such a footing, and if care is taken to send them back after the end of their bound time, I hope in time to be able to provide Your High Nobilities with better men who are more suitable for seafaring than has been possible hitherto. This latter point, namely sending the men back in a timely manner, could be greatly facilitated if Your High Nobilities were pleased to approve that none of these Moorish seafarers be placed at the outer offices, and that the men who serve on the ships always
Dutch transcription
30 zijn mag dat ik daarover wat omstandig ben ter aanwijzing hoe dit werk naar mijn nedrig inzien verkort en op een geschikter voet kon werden gebragt. Deeze Moorse zeevaarende worden bezoagt door luijden van ouds daartoe gebruijkt die in de wandeling zieleverkoopers genoemt worden. De „zelve maaken daarvan een lijst, waarbij ze na goetvinden zo veele naamen zetten als te gemeene gelevert hebben en met deeze naamen krijgt een elk der Mattroosen een reekening bij de zoldij boeken Niemand van hun weet ondertusschen dezelve waarvan men alle oogenblikken een proef neemen kan met ze bij hunne naamen te doen oproepen Ook geschied daarom de monstering die hier over dezelve gedaan word als te aan boord zijn alleen bij den tel, zo veel de gemeene Mattroosen aangaat, en zo 'er dooden of absente zijn, worden daarvoor onverschillig weg zo veele der door de zieleverkoopers opgegevene naamen uijt den hoop genoomen, die dan bij de zoldij boeken niet ingenoomen worden Het is dus een zeer overtollig werk dat geheel Copia rij ten geheel geen nuttigheid heeft dat men van elk deezer gemeene moorte zeevaarende een reeke„ „ning houd en zo Uw Hoog Edelheeeden konden goetvinden om insteede van dien aan elke ploeg niet meer dan een enkelde reekening te doen geeven bij de Negotie boeken zoude dit het werk oneindig verkorten en naar ik denk minder aanlijding geeven tot verschillen, die tog doorgaans ten nadeele van de Comp: uijt„ „koomen. De behandeling met het aanneemen afdanken en het doen der afreekeningen konde voor het overige aan de zoldij boekhouder gelaaten worden Op zulk een reekening van een geheele ploeg konde in eene somma belast worden de 5: maanden gage, die men hier aan de sarangs, tandels en de gemeene geeft als ze na boord gaan en insgelijks de 2. maanden gage die aan de familles worden uijtgereijkt na datze een Jaer zijn in zee geweest. Hierbij konde men het laaten berusten en aan deeze reekening niets meer doen tot dat het volk te Suratte wederom terug komt, om dan met hun af te reekenen en te sluijten of 31 of vinden Uw Hoog Edlheeden beeter de belastingen daarop elk jaer te laaten doen, kan dit ook geschieden, daartoe behoeft alleen jaarlijks van Batavia te worden bedeelt wat aan zulk een ploeq verstrekt is De ploegen zouden eeniger maaten kunnen worden bepaalt naar het getal der scheepen, waar meede deeze Moorte zeevaarende verzonden worden. Neemt een schip min of meer 100. Man meede dan konde men dezelve in twee ploegen verdeelen, anderzins en dat het ge „tal daarvan niet boven de 50. tot 60. beloopt konde men 'er een enkelde ploeg van maaken En om dat zulke groote ploegen zomtijds zouden moeten worden verdeelt in zonderheid als ze op de scheepen gebruijkt worden konde een ploeq van 50. Man en daar booven op dat het volk steeds onder haare eijgene officieren blijft dienst doen gestelt worden onder een sarang, een sarangs maat een tandel en een handels maat, dat ten naasten bij uijtkomt met het getal der officieren die na den tegenswoordigen voet bij dit volk geplaatst worden. Copia vij ten worden als ze van hier gaan Bij vertrek van hier na Batavia konde er van elke ploeg een aparte monster rol gezonden worden, waarbij de officieren bij naamen en de gemeenen alleen bij het getal konden beklent staen Deeze monster rollen konden te Batavia tot een grondlijst van zulk een ploeg worden bewaert Na de aankomst daarvan te Batavia konde het volk daadelijk worden gemonstert en voorts van maand tot maand. Die bij elke monstering bevonden wierden overleeden of absent te zijn daarvan konde bij de voorsz: oorspronkelijke monster rol aanteekening gedaan worden, en een kopij van deeze oorspronkelijke rol met de daarop gehoudene aanteekeningen zoude met be „lieven van Uw HoogEdelheeden kunnen worden gezonden na Suratte, als zulk een plocq na expiratie van hun verbonden tijd, teruggaat, ten eijnde daarna te kunnen bereekenen wat dezelve van tijd tot tijd heeft te goed gemaekt Op de maandelijkse monster rollen konde de ordonnantie van betaaling worden verleent en 32 en wijl de verstrekkingen aan de Moorte Zeevaa „rende thans door Uw Hoog Edelheeden op 8. maanden in het Jaer bepaalt zijn, konde hun elke maand 2/3. gedeelte van de gage die te verdienen, werden gegeven, liet zij dat ze daarom vraagen of niet ten eijnde altoos een egaale reekening met hen te hebben. zo 'er bij de maandelijkse monstering bevonden word volk in het Hospitaal te leggen konde dit bij deeze rollen worden aangeweezen, en bij de ordonnantie van betaaling, die aan de voet van deeze monster rol konde werden geschreeven zoude alleen behoeven te worden genoteert hoe veel daarvan aan het hospitaal gaan moet, om door de Cassier ingehouden en door hem aan de Hospitalier te worden betaelt. Bij de jongste zoldij boeken zijn blijven voortloopen - 46. Sarangs, 51. tandels en 921. mattroosen ver „deelt in 53. ploegen. Dit zelfde getal van volk als men de ploegen vergrootte zoude kunnen verdeelt zijn in 18. ploegen onder 72. officieren en men zoude met het houden der reekeningen van Copia ten van elk deezer 18. ploegen wijnig ' meer werk hebben dan men nu heeft met het houden der reekening van een enkeld Man. Jn het Hospitaal zouden de Mooren na deeze schikking niet wel meer kunnen betaalen dan haare halve gage en de Comp: zoude het overige dienen te draagen, dog deeze klijne last zoude, naar ik gis, door andere voor„ „deelen ruijm vergoed worden Jndien het volk op zulk een voet regulier betaelt word en dat daarbij word gezorgt om ze na het eijndigen van hun verbonden tijd, terug te zenden, hoop ik met der tijd in staat te zullen zijn Uw Hoog Edelheeden beeter en tot de zeevaart geschikter volk te zullen kunnen bezorgen dan tot nog toe heeft kunnen geschieden Dit laatste namentlijk het tijdig terug zenden van het volk zoude zeer kunnen worden gefa„ ciliteert, indien Uw Hoog Edelheeden geliefden goet te vinden dat 'er op de buijten Comptoiren geene van deeze Moorte zeevaarende werden geplaatst en dat het volk dat op de scheepen dienst doet altoos
English
33. is always taken from the most recently arrived crews, so that the oldest crews remain at hand in Batavia in order to be able to return with the ships coming hither when their contracted time has expired. Good and experienced sailors are deterred from serving with the Company when they hear that those of them who go to Batavia sometimes serve out their contracted time two and even three times over. With the crew of Ladek Sakoer, it is now entering the eleventh year that they have been in service. It may well be that among these Moorish seafarers some are occasionally found who do not even desire to return, but concerning such persons it would be well that they were first sent back to Suratte to settle their accounts. If they subsequently wish to go back to Batavia with the intention of remaining there, they could then be engaged on a footing that henceforth gives them nothing in common with Suratte. Regarding the two crews that are currently crossing over with the ship Ouwerkerk, the pay-bookkeeper has acted according to custom because I considered myself unauthorized to make any change therein without Your High Excellencies' special order; I have only instructed the pay-bookkeeper to make two separate muster rolls thereof, which are transmitted among the appendices to this letter, in order that use may be made of them should Your High Excellencies be pleased to agree to my humble proposal aforesaid. In such a case, the necessary alterations can always be made in the Suratte books. The Company's Brokers have told me that in Batavia they can dispose of an amount of rop=s 35000: held under Messrs. Jacob van Heemskerk, merchant and first Administrator in the Waterpoort, Hendrik Lucas van der Krap, junior merchant and first transferor at the Garrison Office, and Abraham Walhart, former junior merchant there; and upon my announcement they have given orders that this money shall be offered to the Company in Batavia. 34 I therefore very respectfully request Your High Excellencies to be pleased to issue orders for the receipt thereof, and that the same may subsequently be credited to this office, to serve in reduction of the Brokers' old debt to the Company. Now I have one more matter to submit to Your High Excellencies, and I request permission to speak plainly on this. Suratte is a very expensive place, and from the income that a Director enjoys here from the Company, it is not possible for him to subsist if he lives in any way decently. He must therefore contribute out of his own pocket, or if he does not do this, he must open other avenues for himself to indemnify him. I therefore take the liberty very respectfully to request Your High Excellencies to be pleased to grant me 4. p:r C=to on the sale of the goods, and to the second in command 1. p:r C=to, just and in the same manner as was granted by Your High Excellencies to the Extraordinary Councillor and Governor of Cochin Moens and to myself at the time I was second in command there, and likewise on the piece-goods the gratuity that is granted to the servants on the Madura Coast if the piece-goods yield a certain advance upon sale. I shall then, as is done in Cochin, clear myself each year with an oath that I have sold the Company's goods to the best of my knowledge and for the highest prices I was able to negotiate, that I have credited and accounted to Their Excellencies the net sales prices thereof without any deduction, even on those goods that otherwise have fixed prices, and that neither I nor mine have received, directly or indirectly, any presents or promises thereof from the merchants to whom they were sold, nor from anyone who I know might have the least relation to them, and will not take them, and finally that I have not engaged in trade under whatever name it might be in such goods or merchandise as the Company sells here. Likewise, I shall clear myself each year with 35 an oath that I have negotiated the piece-goods and other return goods that the Company requires from this place to the best of my knowledge and for the lowest prices possible for me, that I have actually paid for them the prices that I have charged to the Company, and likewise that neither I nor mine have received, nor will receive, any presents or promises thereof from the merchants who delivered them, nor from anyone who as far as I know might have any relation to them. I clearly foresee that it will appear somewhat strange to Your High Excellencies that I make this request: firstly, because none of my predecessors in this Directorship have hitherto complained about the income in this manner; secondly, that whereas I began this letter by pointing out where expenses could be reduced, I end by presenting Your High Excellencies with an expenditure for the Company that must absorb all of that. As far as the first is concerned, I request to be allowed simply to declare that I have presented the matter as it is and according to the truth; and as for the second, I hope that in time it will be shown that I am not requesting any detrimental innovation. I commend Your High Excellencies to God's gracious keeping and have the honour to be with all respect and true fidelity, was written below: High Noble, Right Honourable, Greatly Respected, Far-Commanding Lord and Right Noble Lords, lower: Your High Excellencies' humble and very obedient servant, was signed: W: J: van de Graaff. in the margin: Suratte, the 5th of April 1777. — lower: P: S: Perhaps the sum which the Brokers can dispose of in Batavia will turn out to be larger than rop=s 35000:; they request, consequently, that there may be accepted by the Company as much more as is offered on their account in addition to that. Agreed, W: J: van de Graaff. 36 Copy
Dutch transcription
33. altoos genoomen word uijt de jongste aange „koomene ploegen, op dat de oudste ploegen te Batavia bij de hand blijven ten eijnde als haar verbonden tijd uijt is met de scheepen die herwaarts koomen te kunnen terug gaan. Goede en bevaarene Mattroosen schrikt het af om bij de Comp: te dienen als te hooren dat die van hun na Batavia gaan zomtijds twee en zelfs drie maalen hun verbonden tijd uijtdienen. Met de peloeq van Ladek Sa koer loopt het nu in het elfde jaer dat te in dienst is. Misschien wel dat 'er onder deeze Moorse zeevaarende nu en dan gevonden worden die zelfs niet verlangen om terug te gaan dog van zulken was het goed dat ze eerst na Suratte wierden teruggezonden om haare reekening af te maaken. willen ze naderhand weer na Batavia gaan met voorneemen om 'er te blijven dan konden ze op een voet werden geengageert die haar voorts. niets gemeens doet hebben met Suratte Omtrent de twee ploegen die thans met het Copia ten het schip Ouwerkerk overgaan is door de zoldij boekhouder naar gewoonte gehandelt om dat ik mij ongequalificeerd agte om buijten Uw Hoog „ Edelheeden speciaal bevel daarin eenige verande„ „ring te maaken, alleen heb ik de zoldij boek„ „houden gelast om daarvan te maaken twee aparte monster rollen die onder de bijlaagen deezes overgaan, ten eijnde daarvan gebruijk te kunnen worden gemaakt indien Uw Hoog Edelheeden voorm: mijn nedrig voorstel mogte agreëeren De nodige veranderingen bij de suratte boeken kunnen in zulk een geval altoos gedaan worden 'S Comp=s Makelaars hebben mij gezegt dat ze op Batavia disponeeren kunnen over een bedraagen van rop=s 35000: staande onder de Heeren Jacob van Heemskerk koopman en eerste Ad„ „ministrateur in de Waterpoort, Hendrik Lucas van der Krap onderkoopman en eerste overdraager op het Guamisoen Comptoir en Abra„ „ham Walhart oud onderkoopman aldaer en zij hebben op mijn aankondiging last gegeven dat dit geld te Batavia de Comp: zal worden aan„ „gebooden 34 „gebooden. Jk verzoek UW Hoog Edelheeden dienvolgens zeer eerbiedig ordre te willen stellen tot den ontfangst daarvan en dat hetzelve vervolgens dit comptoir mag werden aangereekent, om te dienen in min „dering van der Makelaars oude schuld bij de Comp: Nu heb ik nog eene zaak aan Uw Hoog el„ „heeden voor te draagen en ik verzoek verlof om hierin regt uijt te moogen spreeken. Suratte is een zeer duure plaats en van het inkoomen dat een Direkteur hier van de Comp: geniet is het niet moogelijk dat wij berstaan kan als wij eeniger maaten ordentelijk leeft. Hij moet dus van het zijne daarbij toezetten, of doed wij dit niet, dan moet wij zig andere weegen openen die hem schaadeloos stellen. Jk neem dierhalven de vrijheid Uw Hoog Edelheeden zeer eerbie„ „dig te verzoeken om mij op den verkoop der goederen te willen toeleggen 4. p:r C=to en aan de sekunde 1. p„r C=to even en zoodanig als dat door UW Hoog Edelheeden aan den Heer Raad extra ordinair en Gouverneur van Cochim Moens en mij ten tijde ik daar sekunde ben geweest is toegestaan, en intgelijks op Copia ten op de lijwaaten het douceur dat aan de bediendens op de Madureesche Cust is geaccordeert indien de lijwaaten bij verkoop een bepaald advans koomen af te werpen. Jk zal mij dan zo als dat te Cochim geschied elk jaer zuiveren met een eed dat ik de goederen van de Comp: naar mijn beste kennis en teegens de hoogste prijsen die ik heb kunnen bedingen heb verkogt, dat ik de zuivere verkoops prijsen daarvan zonder eenige korting aan Haar Ed: heb goedgedaen en verreekent zelfs op die goederen die an„ „derzins bepaalde prijsen hebben en dat ik nog de mijne van de kooplieden aan wien te ver kogt zijn nog ook van niemand die ik weet dat tot dezelve de minste relatie hebben kan„ dirikt nog indirekt geene presenten nog ook geene beloften daartoe ontfangen heb en die ook niet neemen zal, en eijndelijk dat ik onder wat naam het ook zoude moogen zijn geen Handel gedreeven heb in zoodanige goederen of handelwaaren als de Comp: hier doet verkoopen Jnsgelijks zal ik mij elk jaar met een 35 een Eed zuiveren dat ik de lijwaaten en andere retouren die de Comp: van deeze plaats komt te eijsschen na mijn beste kennis en teegens de minste prijsen mij moogelijk bedongen heb, dat ik daarvoor werkelijk heb betaelt de prijsen die ik de Comp: daarvoor heb in reekening gebragt en dat insgelijks ik nog de mijne van de kooplieden die ze gelevert hebben nog ook van niemand die tot dezelve zo veel ik weet eenige relatie hebben kan, geene presenten nog ook geene beloften daartoe ontfangen heb en die ook niet neemen zal Jk voorzien klaarlijk dat het uw Hoog „ Edelheeden eeniger maaten vreemd voorkoomen zal dat ik dit verzoek doe voor eerst om dat geene mijner voorlaaten in deeze Direktie zig tot nog toe over het inkoomen op deeze wijze hebben beklaagt, ten anderen dat daar ik deeze brief begonnen heb met aan te wijzen waar in de lasten kunnen minder zijn, ik eijndige met Uw Hoog Edelheeden een lastpost voor de Comp: voor te draagen, die dat alles absorbeeren moet. Copia ten n nog moet. wat het eerste aangaat, ik ver„ zoek te moogen volstaan niet te verklaaren dat ik de zaak zo als ze is en na waar „heid voorgedraagen heb, en wat het tweede betreft daarvan hoop ik dat in der tijd blijken zal dat ik geen schaadelijke nieuwig „heid verzoek Jk beveele UW Hoog Edelheeden in Gods genaadige bewaaring en heb de eere van net alle eerbied en waare trouwe te zijn /:onderstond:/ Hoog Edele Gest:r Groot agtb: wijd gebiedende Heer en WelEdele Heeren (:laager:/ Uw Hoog Edelheeden onderdaanige en zeer gehoorzaame Dienaer /:was geteekent:/ W: J: van de Graaff /:in margine:/ Suratte den 5. April 1777. — /:laager:/ P: S: Misschien zal de som, waarover de Makelaers te Batavia disponeeren kunnen grooter vallen dan rop=s 35000: te verzoeken dien „volgens dat bij de Comp: mag worden geaccepteerd nog zo viel meer als Haar Ed: bovendien voor haare reekening aangebooden word Akkordeer Wan diograalf 36 Copien ien t ien
English
Account of a ship's cargo of powdered sugar, including all the charges that, in the humble opinion of the undersigned Director, can be charged thereto, namely: At purchase at f 8: 18 1/5 per pikel, and calculating 2 percent Batavian charges thereon, pikels 9000 cost rupees 68161½. For freight of a ship for 8 months calculated at 3000 rixdollars per month on 9000 pikels comes to f 2: 11 1/5 for every 100 lb: 24000. 2 years of interest on the purchase cost of rupees 68161½ at 4½ percent per year: 6014¼. 5 percent risk or insurance on the aforementioned capital: 3341¼. 5 percent insurance on the value of a ship of 150 feet, calculated at f 100000: 4166¾. 2 percent Surat charges calculated upon receiving and delivering again the sold lot, on rupees 68161½: 1363¼. In profit: 16785½. Total: pikels 9000, rupees 123832½. On the amount sold at 15 rupees per pikel: pikels 8255½, rupees 123832½. The validated deficits: 532 2/5. On 2½ percent toll: 211 17/10. Total: pikels 9000, rupees 123832½. Surat, the 5th of April, Anno 1777. D. van de Graaff Copy List of the Ships that from the Year 1756 up to the year 1775, inclusive, were dispatched from Batavia to Surat, namely: 1756 Vlietlust Het Huis te Boede Middelburg Het Huis te Boede 1757 Barbara Theodora Ruiteveld Barbara Theodora Vlissingen 1758 Lappienenburg Rhoon Kievitsheuvel De Vrouwe Rebecca Jacoba 1759 Toorenvliet De Vrouwe Rebecca Jacoba Amerongen Amerongen De Vrouwe Rebecca Jacoba Tulpenburg 1760 Amstelveen Amelisweerd Amerongen Het Hof d'Uno Waaksaamheid Cattendijk Lekkerland 1761 Duijnenburg Lapienenburg Toorenvliet Borsselen Noordbeveland 1762 Slooterdijk De Getrouwigheid, wrecked off Goa Blijswijk 1763 Blijswijk Kronenburg De Vrouwe Rebecca Jacoba Amelisweerd, missing 1764 De Barbara Theodora Renswoude Lijmuijden 1765 Velsen Renswoude Lekkerland Compagnies Welvaaren Amerongen 1766 Borsselen Kievitsheuvel De Vrouwe Geertruijda Ouder Amstel Aschat 1767 Landskroon Het Veldhoen De Jonge Lieve 1768 Het Huis ter Meije Het Huis Om Het Huis ter Meije 1769 1770 De Jonge Lieve Alkemade Asia De Jonge Thomas Alkemade 1771 Het Veldhoen Compagnies Welvaaren Compagnies Welvaaren 1772 Walcheren Westvriesland 1773 Beemster Welvaaren Walcheren, stranded on the banks of Dumas 1774 De Vrouwe Geertruijda Ouwerkerk 1775 Ouwerkerk Overhout 70 ships in total, standing against the wrecked ones as 100 to 4½, or if one does not include Walcheren as an extraordinary case, as 100 to 3. Surat, the 5th of April, Anno 1777. D. van de Graaff Copy Memorandum of such Ships and Vessels as have arrived, according to the statement of the Honorable Company's brokers, since the 21st of December Anno Domini until the 25th of this month, both at Bombay and here, with an indication of the quantities and types of Goods brought by the same, namely: The following arrived at Bombay, namely: 1777 - the 15th of January with 2 ships from China, as Per the Faiz Allum 5000 small canassers of powdered sugar, with 625000 lb net 87500 lb candy sugar 50 chests of silk, with 6250 lb 37500 lb quicksilver 125000 lb alum 40 chests of porcelain Per the Faris 750000 lb powdered sugar in 6000 small canassers 75000 lb candy sugar 6250 lb silk in 50 chests 37500 lb quicksilver 25 chests of porcelain 62500 lb alum 125000 lb China root The 24th of the aforementioned month, per a ship freighted by the Parsee merchant residing at Bombay, Hirjee Readymoney, also from China: 375000 lb powdered sugar in 3000 small canassers 37500 lb candy sugar 25000 lb quicksilver 12500 lb silk in 100 chests 75000 lb alum 39 chests of cloves The 5th of February, per The Islam Bol from Batavia: 1465 canassers of powdered sugar 35 canassers of candy sugar 50½ leagers of arrack 2000 bundles of binding rattans The following arrived here at Surat, as: 1777 - the 14th of January, per the Faiz Allum from China: Powdered sugar in small canassers up to 3500 pieces, net 437500 lb 50000 lb candy sugar 3125 lb quicksilver 125000 lb alum 37500 lb silk in 300 chests 50 chests of porcelain The 20th of March, ditto the Bahram Ghor, also from China: 750000 lb powdered sugar in 6000 small canassers 37500 lb candy sugar 125000 lb alum 25000 lb silk in 200 chests 34500 lb quicksilver The 1st of March, per The Hunter, also from China: 500000 lb powdered sugar in 4000 small canassers 75000 lb alum 6250 lb silk in 50 chests The 11th of March, per an English private ship commanded by Captain Richardson, from China: 900000 lb powdered sugar in 7200 small canassers 75000 lb alum
Dutch transcription
Reekening van een scheeps laading „weezen alle de lasten die na het nedrig Direkteur, daartoe kunnen worden gebrag„ Bij inkoop à ƒ 8: 18 1/5. de pikel en daarop gereekent 2. p:r C=t bataviate ongelden dan koste, pik:s 9000. rep=s 68161½. voor vragt van een schip voor 8. maanden â 3000. rdx:s smaands gereekent op 9000. pikels komt voor elke 100. lb: ƒ2: 11 1/5. . . . . . . - „ 24000. —. „ 2. Jaeren intrest van het inkoops kostende - - „ 6014¼. van rop:s 68161½. a 4½. p:r C=to 'sjaers. . - „ 5. p:r C=to risiko of assurantie van gem: „ 3341¼ kapitael. . „ 5. p:rC=to assurantie van de waarde van een schip van 150. voet gereekent op „ 4166¾. „ 2. p:r C=to suratse ongelden bij het ontfangen en weeder afgeeven van de verkogte partij „ 1363¼ bereekent, op rop:s 68161½. - - - - - - . . - . „ 16785½. Somma pik:s 9000. rop:s123832½. A Suratte den 5: ƒ100000: —. - - . - - - aan winst.. . . . . - - - 37 gebragt, te weeten: nedrig gevoelen van den ondergeteekende ding Poeder zuijker waarbij zijn aange„ over het verkogte à 15. rop:s de pikel pik:s 825 ½ r p:s 23832½. De gevallideerde minderheeden - - - - - „ 532 2/5. „ over 2½. p:r C=to thol - - - - April A„o 1777. D vandegraaff Somma . pik:s 9000. rop:s 123832½. n Copia 5. „ 211 17/10. „ - - —. —. vi ten — 832½. 5: Copie Vrien 38 Lijst der Scheepen die van het Jaer 1756 tot het jaer 1775. ingeslooten van Batavia na Suratte verzonden zijn, te weeten: Vlietlust 1756 Het Huis te boede Middelburg Het Huis te boede Baabara Theodora Ruiteveld: Barbaaa Theodora. vlissingen Lappienenburg Rhoon. Kievits heuvel De vrouwe Rebecca Jacoba Toorenvliet. De vrouwe Rebecca Jacoba. Amerongen Amerongen De vrouwe Rebecca Jacoba. Tulpenburg. Amstelveen Amelisweerd Amcrongen Het Hoof de Uno. waaksaamheid Cattendijk 1760. Lekkerland 1761. Duijnenburg. Lapienenburg Toorenvliet Borsselen. Noordbeveland 1762. Slooterdijk De getrouwigheid, voor Goa verongelutt 1759. 1758. 1757. Blijswijk Copia vij ten 1763. Blijswijk Kronenburg De vrouwe Rebecca Jacaba Amelisweerd, vermust 1764. De Barbara Theodora Renswoude Lijmuijden 1765. Velsen Renswoude Lekkerland Comp:s welvaaren Amerongen 1766: Borsselen Kievitsheuvel. De vrouwe Geertruijda ouder Amstel. Aschat 1767. Landskroon Het veldhoen De jonge Lieve 1768. Het Huis ter Meije Het Huis om. Het Huis ter Meije 1769. 1770. De jonge Lieve. Alkemade Asia De jonge Thomas Alkemade 1771. Het veldhoen. Comp:s welvaaren Comp:s welvaaren 1772. welcheren. Westvriesland 1773. Beemster welvaaren walcheren, op de banken van Domus gestrand 1774. De vrouwe Geertruijda Ouwer 39 Ouwerkerk 1725. Overhout 70. scheepen te zaamen, staande teegens de verongelukte als 100. teegens 4 ½. of als men walcheren als een buijten gewoon geval niet meede reekent als 100. teegens 3. Suratte den 5. April A„o 1777. „ ƒ DD. vande grraff Copia ten wer¬ 40 „tuijgen als volgen opgave van 's E: Comp:e mackelaars Redert den 21: December A„o D„o tot den 25 Deeser zoo te Bombaij als al„ hier aangekomen zijn, met aanwijsing van de quantiteijten, en soorten van Goe¬ „deren als door den selven aangebragt sijn— Naementlijk De volgende sijn te Bombaij aangekomen, te weeten 1777 - den 15 Januarij met 2 scheepen van China, als Per de Reijs Ilem 5000: leijne Cannasser Doeder suijker met 625000 lb Netto 87500:- lb Candij Zuijker 50: kisten zijde met 6250:- lb 37500: lb Quik zilver 125000:— p: thuijn 40: Kisten Dorcelain Pr: De Peris 750'000: lb Boeder zuijker in 6000: - cannassers klijne 75000:- Candij Zuijker „: 6250:— „: zijde in 50 kisten 37500:— „„ Quik zilver 25: - kisten Dorcelain 62500: lb tluijn „ Chin 125 000 Den 24:' Gemeld Der een schip bevragt door den te bombaij woonag„ „tig sijnde Dersied Koopman Hierjie Reddie Monnie almeede Van China Memorie van zoodanige Scheepen en Vaar„ 375000: — lb Poeder suijker in 3000: Carnasseren kyn verte Copia ten — 37500:- lb Candij Zuijker 25000 Dirk Zilver f: de 12500: — „: Zijde in 100 kisten 75000:— „: tluijn 39 : kerten Nagulen, Den 5 februarij D: r The Jsslam Bool van Batavia 1465: - Cannassers Doeder Suijker 35: _o Candij — 50½ Leggers Aracq 2000: Bossen Bindzottings De volgende sijn alhier te souratta aangekomen, als 1777- den 14:' Januarij Der Che theijs Alem van China Poeder suijker in kleijne Cannassers tot 3500 stux nle„ ƒ37500:— lb 50000:—„ Candij suijker 3125:—„: duik silver Aluijn 125000:- „: zijde in 300 kisten 37500:„ Den 20 Maart D=o Che Biram Goor almeede van China 50: - kister Dorcelair 750000:— lb Poeder zuijker in 6000 Cannassers klnen Candij Zuijker 37500:—„: P 125000„ Tluijn 25000:—„ zijde in 200 kisten 34500: „: duik zilver Den 1: Maart P=r The Hunter almeede van China 500'000:— lb Poeder zuijker in 4000 Cannassers klyne Aluijn 75000:- „ Zijde in 50 kisten 6250:—„ Den 11:' Maart P:o een Engelsch Particulier schip gecommandeert door Capitain Richardson van China 900'000:— lb Poeder suijker in 7200 Cannas,ses kline 75000: „: Aluijn Carte 6
English
6250 lb silk in 50 chests 720000 lb black pepper 210000 lb coconuts 22 chests cloves and nutmegs 50 canassers powdered sugar 1 sack mace From various successive arrivals from Bengal 560000 lb powdered sugar in 4000 bags 400000 lb rice in 10000 bags Total calculation of the preceding and above, as: 662500 lb alum 5819250 lb powdered sugar, whereof 175 chests porcelain 4897500 lb in the aforementioned small canassers 125000 lb tin 951750 lb representing 2115 large canassers 720000 lb black pepper 303250 lb candy sugar, namely 210000 lb coconuts 287500 lb in the aforementioned small canassers 140000 lb rice 15750 lb representing 35 large canassers 39 chests cloves 100000 lb silk 12 chests cloves and nutmegs 148625 lb quicksilver 1 sack mace 50 leaguers arrack 2000 bundles cane bindings Surat the 25th of March Anno 1777 For translation according to the statement of the Company brokers Mantchiogis and gruvenvam H. Smit The 10th of March per an English European ship via Malabar 600 large canassers of powdered sugar, which will be transported to Bombay Copy 41 ten commanded Castle Memorandum of such ships and vessels as have arrived both at Bombay and at Surat since the 21st of December Anno 1776 until the 25th of March Anno 1777 Separate 42 Batavia To His High Nobility The High Noble, Severe, Highly Esteemed, Far-Commanding Lord Jeremias van Riemsdijk Governor-General on behalf of the state of the Free United Netherlands and its General East India Company, and The Right Noble Lords Councillors of the Dutch Indies High Noble, Severe, Highly Esteemed, Far-Commanding Lord, and Right Noble Lords I hope that my respectful letter of the 5th of this month, dispatched with the ship Ouwerkerk, has safely reached Your High Nobilities. I shall send the duplicate thereof on another occasion. Recently a French warship has called here, and a second one at Bombay. It is said that one or two more besides these have been seen along this Copy ten this coast. One of the same lay for some days in the roads of Geria, and another went to Chaoul, a place of the Marathas, eight or ten hours south of Bombay, where a small river empties. Here, it is said, they have erected a flagpole with the consent of the Maratha government, and shortly thereafter some French envoys departed from there to the Court of Poona, who, it is maintained, were received by a Maratha escort with great politeness. It is also said that the Marathas have sent some troops to the French at Chaoul for their protection. Of the true purpose of this mission I have heard nothing. It is only said that the French have offered the Marathas a good number of Europeans as auxiliary troops, which, if true, may have weighty consequences. From Bombay a Council member was recently sent to Poona to reside there on behalf of the English Company. As is said, that gentleman was received at Poona less graciously than 2 43 than had been expected, and many believe that the Marathas are, among other things, rather displeased because Rogoboy, the former pretender to the Maratha throne, is being detained at Bombay, which they hold to be contrary to the articles of peace. Everything in this vicinity meanwhile remains at peace, and if something should happen, it is hardly credible that it will begin from this side. Since it is nevertheless very apparent that this coast will soon be navigated more frequently than before by English and French ships, this is perhaps an additional reason that all our ships for the Surat trade should make the round-trip voyage together. I hope that Your High Nobilities will agree to my humble proposal to employ three ships for this purpose, which can return together and with which our entire demand can be fulfilled. I commend Your High Nobilities to God's gracious protection, and have the honor to be with deep respect and true loyalty, Copy eleven ten to be, was signed: High Noble, Severe, Highly Esteemed, Far-Commanding Lord and Right Noble Lords, Your High Nobilities' very humble and obedient servant, was signed: W. J. van de Graaff, in the margin: Surat the 25th of April 1777. Agrees, W. van de Graaff 44 Copy of the separate Surat letter written to Their High Nobilities the High Indian Government, with the enclosures. Copy No. 2 ten Copied twelve ten Separate 45 Batavia To His High Nobility The High Noble, Severe, Highly Esteemed, Far-Commanding Lord Jeremias van Riemsdijk Governor-General on behalf of the state of the Free United Netherlands and its General East India Company, and The Right Noble Lords Councillors of the Dutch Indies. High Noble, Severe, Highly Esteemed, Far-Commanding Lord, and Right Noble Lords I had the honor to receive Your High Nobilities' highly esteemed separate letter of the 15th of August last, in original and duplicate. It grieves me very much to see from it the displeasure that my respectful letter of the 5th of April last has provoked among Your High Nobilities. Under the previous administration Copy ten
Dutch transcription
6250: lb zijde in 50 kisten 720'000:— lb Deper swarte 210'000: - „ Kookes Noten 22:- Kisten Nagulen & Nooten 50: - Cannarsens Poeder suijker 1. – Zoekes Poulij Der Diverse Successive van Bengalen 560'000:- lb Poeder suijker in 4000 zakken 4'0'0'000:— „: Rijst in 10'000 sakken Samen Crekking van het Voor=- en Bovenstaande als 662500: lb Alluijn 5819'250:— lb Poeder suijker daar van 175: kisten porcelain 4897500: lb in vooren ger: kleijne Cannasser 125000 lb thin 951750: p: stelle voor 2115 Groote Cannas p:s 720'000 „: Deper swarte 303250:— lb candij suijker te weeten 210'000 „: kosses noten 287500: lb in voorgem: kleijne Cann: 140000 „. Rijst 15750:— „ stelle voor 35 groote Cannassers 39 kesten Nagulen 100000:- lb zijde 12 R — Nagulen nat roten 148625: — „: buik zilver 1 zoekes foulij 50 Legger dracq 2000 Boss: bindrottings Souratta den 25:' Maart A=o 1777 voor de vertaaling volgens opgaave van 18 Comps Makes: Mantchiogis en gruvenvam H Smit Den 10 Maart p:r Een Engelsch Europar schip over de Mallabaar 600: – Groote Cannassers Doeder suijker welke na Bombaij hullen gewoerd werden Copia 41 ten mandeert Caste Memorie van zoodanige scheepen en vaartuij„ „gen als 't zeedert den 21:e December Ao 1776 tot den 25 e Maart fo. 173 Ao: 1777 Zoo te Bombaij als te souratta aangekomen sijn appart. 42 Batavia Aan zijne Hoog Edelheid Den Hoog Deglen Gest=rn Groot agtb: wijd gebiedende Heere Jeremias van Riemsdijk Gouverneur Generaal van weegens den staat der vrije vereenigde Nederlanden en haare algemeene oost=Jndische Comp:, en De WelEdele Heeren Raaden van Nederlands Jndien Hoog Edele Gest:r Groot agtb: twijd gebiedende Heer, en WelEdele Heeren Mijn eerbiedige van den 5. deezer met het schip Ouwerkerk afgevaardigt, hoop ik dat UW Hoog Edelheeden wel zal zijn geworden. Jk zal het dubbel daarvan bij een andere geleegentheid zenden Onlangs is hier een frans oorlog schip aangeweest en een tweede te Bombaij. Men zigt dat 'er nog een ofr twee buijten dien langs deeze Copia - tien deeze Cust gezien zijn. Een derzelve heeft eenige daagen geleegen op de Rheede te Geria en een ander is gegaan na Chaoul en plaats van de Marratters, agt of thien uuren bezuijden Bombaij daar een klijn riviertje uijtloopt. Hier hebben ze naer men zegt met konsent van de Maarattate Regeering een vlaggestok opgeregt, en kort daaraan zijn van daer na het Hof van Poena vertrokken eenige franse Afge „zanten, die men wil dat door een Maarattate Escorte met veel hoffelijkheid zijn opgehaalt, ook zigt men dat de Maaratters de fransen te Chaoul eenig volk gezonden hebben tot hunne bevijliging van het waare oogmerk van deeze bezen „ding heb ik niets gehoort. Alleen zegt men dat de fransen de Marratters een goede partij Eui„ „ropeesen tot hulp troupen hebben aangebooden het geen zoo het waer is van gewigtige gevolgen zijn kan van Bombaij is onlangs een Raadslied gezonden na Poena om aldaer van weegens de Engelse Comp: te resideeren. zoo men zegt is dien Heer te Poena minder gracieus ontfangen dan 2 - .. 43 dan men had gedagt, en veele meenen dat de Marratters onder anderen wat te onvreeden zijn daarom, dat Rangabooij, de voorige Pretendent tot de Marrattase throon, te Bombaij word aangehouden, het geen ze houden te strijden met de vreedens artikelen Alles is ondertusschen hier omstreeks in rust en zo 'er ook wat te doen komt is het juist niet geloofbaar dat het van deeze kant beginnen zal. wijl het niet te min zeer apparent is dat deeze Cust eerlang meer frequent dan voorheen door de Engelse en franse scheepen zal bevaaren worden, is dit misschien een reede te meer dat alle onze scheepen voor den suratten Handel de heen en weder rijze gekonjungeert doen. Jk hoop dat Uw Hoog Edelheeden zullen agreëeren mijn nedrig voorstel om 'er drie scheepen toe te gebruijken, die te gelijk weer kunnen terug gaan en waarmeede onzen geheelen Eijsch kan worden voldaan. Jk beveele UW Hoog Edelheeden in Gods genaadige bescherming, en heb de eere van met diepe eerbied en waare trouwe te zijn Copia xri tien zijn /:onderstond:/ Hoog Edele Gest: Groot„ agtb: wijd gebiedende Heer en welEdele Heeren UW Hoog Edelheeden zeer onderdanige en gehoorzaame Dienaer /: was geteekent:/ W: J: van de Graaff /:in margine:/ Sucatte den 25. April 1777. - akkorsteer W. vande graaff 44 Copij apparte suratse brief de Hooge Jndiate Regeering met geschreeven aan Hunne HoogEdelheeden de bijlaagen Copia N:o: 2. tien — Copiel xij tien appart 45 Batavia Aan zijne Hoog Edelheid Den Hoog Edelen Gestre Grootagtb: Wijd gebiedende Heere Jeremias van Riemsdijk Gouverneur Generaal van weegens den staat der vrije vereenigde Nederlanden en haare algemeene oost=Jndische Comp:, en De WelEdele Heeren Raaden van Nederlands Jndien. Hoog Edele Gest=r Groot agtb: Wijd gebiedende Heer en WelEdele Heeren UW Hoog Edelheeden hoog geagte apparte brief van den 15. August jongstl: heb ik de eere gehad: in origineel en duplo te ontfangen. Het doed mij heel leed daarbij te zien het ongenoegen dat mijn eerbiedige van den 5. April laatsl: bij Uw Hoog„ Edelheeden heeft verwekt. Onder het voorgaande besteer Copia tien -
English
administration now and then events had occurred more or less capable of causing the Company's condition in this Directorate to appear in a more disadvantageous light than the case actually warrants, and my intention has only been to show that matters here have not yet run so far out of hand, but that this Factory, concerning which various opinions have been held for many years, may, under the influence of God's blessing, continue to remain a very good Establishment for the Company. I confess in the meantime very willingly that, in order to show this, my zeal has led me to matters which, however much they flowed from the subject, nonetheless have no necessary connection therewith, and I very humbly beg Your High Excellencies' pardon on that account. In my actions I hope not to have erred. If Your High Excellencies should meanwhile have found anything therein that ought to have been done otherwise, I hope that You will favorably deign to take into consideration that upon my arrival here I found myself in circumstances of worrisome consequence, which, although I could not apportion everything, have caused me much trouble and out of which I had to extricate myself according to my best knowledge. Everything was unfamiliar to me, and the difficulties increased underhand, and if I have also dared to take somewhat more upon myself than I would have been permitted to do under ordinary circumstances, it was done because I thought thereby to fulfill more my duty and the trust that Your High Excellencies have placed in me, rather than simply to direct things in such a way that I could merely justify myself. The Brokers have, since my arrival, paid in reduction of their old debt rxp=s 106840. —, being, with the rox:s 35000. which Your High Excellencies have been so good as to permit to be received at Batavia, rop:s 141840. —. Of this, rox:s 121840. serve in reduction of the rop=s 155: to 160'000: mentioned in my respectful letter of 25. December of the past year, and the remaining rop:s 20'000: are what they have paid since the end of April until the end of August at five thousand rop:s a month according to their promise. The remainder of the aforesaid full sum of rx:s 160'000. to the amount of rop:s 38160: will also proceed well. The Brokers have given good assurances for this, and it is indeed through no fault of theirs that this money has not yet come in as I had hoped; yet whether they will be able to keep it up for long to pay off rop=s 5000: a month in reduction of their old account, I cannot assure. Your High Excellencies can nonetheless fully rely upon it that I shall employ everything in my power to keep them to it continuously, and I think I may even add that the Brokers, as far as I can ascertain, are doing their best to that end in good faith; but they have suffered much under the previous administration and are now entirely ruined. During my tenure, I hope to take care that they do not fall behind. It is meanwhile a worrisome matter for me to have to continue dealing with these people, as this cannot happen without trusting them more or less, if I do not wish to check the progress of Trade. I cannot propose to Your High Excellencies to take others in their place either, for besides the fact that their old debt to the Company would then immediately become hopeless, I also doubt whether the Company would again obtain such good merchants as it has, particularly in the first Broker Mantchergie. He is a clever and enterprising Man who thoroughly understands Trade, and from whom the Company may yet derive much service once he has been somewhat rescued from his bad affairs. I shall make it my business to be able to report to Your High Excellencies at a subsequent opportunity what may ultimately be counted upon to come in from them. I see no other chance than to pursue it by amicable means. Their Houses and other properties are all encumbered, perhaps higher than they are worth, and the movable goods of the Natives that are of any value consist of jewels and things of small volume that are easily concealed. Moreover, although by virtue of our firmans we are justified in doing justice to ourselves against such as stand under our Protection, the form of Government here has from time to time changed so much that the key thereof, so to speak, is entirely in the hands of the English Government, and we might easily encounter unexpected opposition in this and become entangled in difficulties of shameful consequence without gaining anything thereby. The Suratte Resolution of 17. December 1772 gives an example of this, and the outcome of that case was that in the February following, the Nabab had the Peons of the Company who were employed on this occasion led through the city with their hands tied behind their backs on donkeys, having the reasons why it was done proclaimed alongside. Perhaps times will change, and until then, I think for my part that it is best not to exercise such rights too much; they will then at least be preserved in their entirety as they are. By acting otherwise, we might have to look on with open eyes as great infringements were made upon them. 7 The sale of the goods takes place in the presence of all the Council members. The Brokers were on 23. November last in the meeting
Dutch transcription
bestier waaren nu en dan gebeurtenissen voorgevallen min of meer bequaam om sComp:s toestand in deeze Direktie in een nadeeliger dagligt te doen voorkoomen dan het met de zaak werkelijk be„ „staat, en mijn voorneemen is alleen geweest om aan te wijzen dat de dingen hier nog niet zoo verloopen zijn, of dit Comptoir, waarover reeds veele Jaaren onderschijdentlijk gedagt is, kan onder den invloed van Gods zeegen bij voortgang nog een heel goed Ehablissement voor de Comp: blijven Jk beken ondertussen heel gaarne dat om dit te toonen, mijn eiver mij heeft gebragt tot zaaken die hoe zeer uijt het onderwerp voortgevloeijt niet te min daarmeede geen noodzaakelijk verband hebben, en ik verzoek uw Hoog Edelheeden derwegens zeer nedrig om verschooning. Jn mijne verrig„ „tingen hoop ik niet te hebben gedwaalt. Jndien UW Hoog Edelheeden ondertussen daarin iets mogten hebben bevonden dat anders had behooren te ge „schieden, hoop ik dat Hoogst Dezelve gunstig zullen gelieven in aanmerking te neemen, dat ik mij met mijn komst hier bevonden heb in omstan„ 46 omstandigheeden van zorgelijke gevolgen, die mij, schoon ik niet alles heb kunnen bedeelen, veel moeyte gegeven hebben en waaruijt ik mij na mijn beste kennis heb moeten redden. Alles was mij vreemd en de moejelijkheeden naamen onder de hand toe, en zoo ik ook wat meer over mij heb durven neemen dan ik in een ordinaire geleegentheid zoude hebben moogen doen, is het geschied om dat ik dagt daardoor meer aan mijn pligt en het vertrouwen dat Uw Hoog Edelheeden in mij gestelt hebben, te voldoen, dan om de dingen een „voudig zoo te bestieren dat ik mij slegts verant„ woorden kon De Makelaers hebben zeedert mijn komst in mindering van haar oude schuld betaelt rxp=s 106840. — zijnde met de rox:s 35000. die Uw Hoog Edelheeden zoo goet zijn geweest van toe te staen dat ze te Ba„ „tavia moogen werden ontfangen rop:s 141840. - Hiervan dienen rox:s 121840. in afkorting der rop=s 155: à 160'000: bij mijn eerbiedige van den 25. decemb: A:o pass=o vra„ melt en de overige rop:s 20'000: zijn het geen ze zeedert ult:o April tot ult=o August à vijf duij„ „zind rop:s smainds volgens hun belofte hebben betaelt. Het Copia tien Het ontbreekende tot de voorsz: volle som van rx:s 160'000. ten bedraage van rop:s 38160: dat zal ook wel gaen. De Makelaers hebben hiervoor goede aanwijzing gedaen en het is met der daad buijten haar schuld dat dit geld nog niet ingekoomen is, zoo als ik had ge„ „hoopt, dog of ze het nog lang zullen kunnen gaande houden om smaends rop=s 5000: in mindering van haar oude reekening af te leggen, kan ik niet ver„ „zeekeren. Hierop kunnen Uw Hoog Edelheeden niet te min volkoomen staat maaken dat ik alles wat mij moogelijk is zal aanwenden om hun bij voort„ „gang daartoe te houden, en ik denke 'er zelfs te moogen bijvoegen dat de Makelaers, zoo veel ik het kan nagaen, daartoe ter goeder trouwe hun best doen, dog ze hebben onder het voorgaande bestier veel geleeden en zijn nu geheel geruineert. Jn mijn tijd hoop ik 'er zorge voor te draagen dat ze niet ten agteren koomen. Het is ondertussen voor mij een zorgelijke zaak, om met deeze Menschen te moeten blijven voorthandelen, wijl dit niet geschieden kan zonder te min of meer te fieeren wil ik den voortgang van den Handel niet stremmen. Jk kan „ 47 kan Uw Hoog Edelheeden ook niet voorslaan om andere in hun plaats te neemen, want behalven dat dan hun oude schuld bij de Comp: daadelijk hoopeloos word, zo twijffele ik ook of de Comp: zoo goede kooplie„ „den zoude weeder krijgen als ze in zonderheid aan den eersten Makelaer Mantchergie heeft. Hij is een slim en onderneemend Man die den Handel in de grond verstaat, en waarvan de Comp: nog veel dienst hebben kan als wij wat uijt zijne kwaade zaaken zal zijn gered. Jk zal 'er mijn werk van maaken Uw Hoog Edelheeden bij een volgende geleegent„ „heid te kunnen melden waarop eijndelijk staat te maaken is dat nog van hun inkoomen kan. Jk. zie geen andere kans dan het door minnelijke weegen te bevorderen. Hunne Huizen en andere goederen zijn alle beswaert misschien hooger dan ze waard zijn, en de losse goederen der Jnlanderen die van eenige waarde zijn, bestaan in klijnodien en dingen van klijne volume die ligtelijk zijn te verbergen. Bovendien schoon wij uijt hoofde van onze fir„ „mans gewettigt zijn om ons zelven regt te doen teegens zulke die onder onze Protektie staen, zoo Copia tien zoo is de Regeerings form hier van tijd tot tijd dermaaten verandert dat de klein daarvan om zoo te spreeken geheel is in handen van het Engels Gouvernement, en wij zouden ligtelijk hierin tegen„ „stand vinden die men niet en verwagt en zig inwik„ „kelen in moejelijkheeden van smaadelijke gevolgen zonder 'er iets door te verkrijgen. De suratte Resolutie van den 17. decemb: 1772. geeft daarvan een voorbeeld, en den uijtslag van het geval is geweest, dat in februarij daaraan de Nabab de Pions van de Comp: in deeze geleegentheid gebruijkt, met ge „boorde handen op dezels de stad heeft doen doorbrengen en daarbij laaten uijtroepen de reedenen waarom het geschiedde. Misschien veranderen de tijden en tot zoo lange denk ik voor mij, dat het best is om diergelijke regten niet te veel te exerceeren, ze blijven dan ten minsten zo als ze zijn, in haar geheel bewaert. Met anders te handelen zouden we misschien met goede oogen moeten aanzien dat 'er groote inbreuken op wierden gedaen 7 De verkooping der goederen geschied in de tegenwoordigheid van alle de Raadsleeden. De Makelaers zijn den 23. Novemb: jongstl: in de verga„
English
48 called to the meeting in order to confront their accounts, both regarding the goods received by them and the moneys paid off by them, against the trade books, the cash accounts, and the reports of weighings, which was done in the presence of all the people, and wherewith they were found to agree. I shall do this annually and hope that Your Right Noblenesses will find this sufficient in compliance with the order given in this regard, to prevent such frauds as were committed by the former Director Bosman. However, should Your Right Noblenesses prefer it otherwise and that Your Right Noblenesses' honored order on this matter be carried out literally, then I for my part have no reason in the world not to do so with the fullest willingness, yet it will be somewhat difficult and will now and then somewhat delay the work, if resolutions must be taken every time over everything concerning the deliveries of goods and the receiving of money, things that occur so to speak every day. Notwithstanding all the trouble taken, I have not been able to discover how the informants obtained the goods mentioned in the customary list of cargoes brought to Bombaij and here, and of which some articles are further specified in the aforesaid separate letter from Your Right Noblenesses. Regarding the 5754. lb: of cloves mentioned in my respectful letter of 5. April, I did not fail already at that time to question the brokers regarding everything that could shed more light on the case, without having been able to obtain any further clarification. I have done so again this time to be thorough, yet they maintain that they can provide no further indication of it, and if others should know anything of it, it is easy to imagine that they, at least as far as the Company's servants are concerned, will plead ignorance of a case of which the mere holding of knowledge, without reporting it, is a crime. That I added that it seems not even to be the only time that it has occurred is not based on any satisfactory proof that has come before me. I have only inferred it from tales of various natives, and as it is a matter of 49 the utmost importance, I thought it my duty even to share my suspicion on that point with Your Right Noblenesses. Concerning the goods that the ship friends bring in privately, I shall strictly conduct myself according to the instructions of Your Right Noblenesses and allow them to retain all possible freedom therein. I shall furthermore literally follow Your Right Noblenesses' honored order to keep myself out of the disputes that might arise from the sales of the ship friends to Englishmen, yet I request permission to ask this one question in this regard: how shall I conduct myself if it happens that an Englishman, whether on account of the failure to fulfill the conditions of sale or otherwise, complains about any of our ship friends? If I say that I cannot meddle with it, then it is certain that the complainant will address himself to his own government or the native government and demand justice there. Under the entry of 20000. rox=s which in my respectful letter of 5. April last I calculated and determined for all the provisions to the permanent servants are included the emoluments to the same, which are written off to ordinary expenses, and it is only the remaining charges that are likewise carried on this account, which I think can be made good annually with more or less 3000. rop=s. This account and the expenses of sloops and lesser vessels have in this year, of which I have had the management for nine months, decreased by ƒ5914: 7: 8 compared to the previous year; but to bring both accounts to ƒ9840. —. being ƒ14705: 10: 8 less than in A:o 172/76, that is not possible. I hope that Your Right Noblenesses will find that nothing is expended other than what is necessary. With the English government and in particular with the English Chief, Mr. Boddam, I am, as far as I know, on good terms, and I seek to treat them courteously and with politeness at all encounters. With the native government things are likewise going well, and thus far nothing has been refused to me of what I have needed to have asked of them, yet in order to stay on good terms with those people in the long run, one must so to speak constantly have one's hand in one's pocket. The aforementioned English Chief, Mr. Boddam, asked me shortly after my arrival here whether I would not have the opportunity to have 25000. rop:s paid for him at Cochim. I declined that in the friendliest manner, and it remained at that for that time, but a while later he spoke about it to someone, as it seems, with the intention that it should be told to me again, and when notice thereof was given to me, I also let this pass in silence without declaring myself on it, just as if I did not understand that the message came from him, but paying me a visit the other day, Mr. Boddam brought this up again and spoke to me about it in a very friendly manner, yet which nevertheless made me think to some extent that he did not expect a refusing answer from me. I clearly understand that it is no proper way of housekeeping to receive money here on assignment where we ourselves must send money, and if I had been able to make it good out of my own means
Dutch transcription
48 vergadering geroepen om hunne Reekeningen zoo wel weegens de bij hun ontfangene goederen als de door hun afbetaalde gelden te konfronteeren teegens de Negotie boeken, de Cassa reekeningen en de Rap„ „porten van uijtweegingen het geen ten bijweezen van alle de Lieden is geschied, en waarmeede ze accoord be„ „vonden zijn. Jk zal dit jaarlijks doen en hoope dat uw Hoog Edelheeden dit toerijkende zullen vinden in voldoening van de derweegens gegevene ordre, ter voorkooming van zoodanige fraudes als door den geweezen Direkteur Bosman zijn gepleegt. Gelieven Uw Hoog Edelheeden het egter anders en dat letterlijk uijtgevoert zal worden Uw Hoog Edelheeden g'eerde ordre op dit stuk, zoo heb ik voor mij geen reeden ter wereld om dat niet met de volkomenste bereijdwilligheid te doen, dog het zal wat moejelijk zijn en het werk nu en dan wat vertraagen, als over alles wat de afleeveringen der goederen betreft en het ontfangen van geld, dingen die om zoo te spreeken alle daagen voorvallen, telkens besluijten moeten werden genoomen Jk heb niet tegenstaande alle genoomene moeijte niet kunnen ontdekken hoe de aanbrengers gekomen Copia tien gen gekoomen zijn aan de goederen vermelt bij de gewoone lijst der laadingen die te Bombaij en hier zijn aangebragt, en waarvan zommige artikelen naader zijn gespecificeerd bij voorsz: Uw Hoog Edelheeden aparte Missive. Over de 5754. lb: nagelen bij mijn eer„ „biedige van den 5. April vermelt, heb ik niet ver„ „zuimt reeds te dier tijd de Makelaers te onder„ „vraagen noopens alles wat meer ligt aan het ge „val geeven kon, zonder eenige verdere opheldering te hebben kunnen bekoomen. Jk heb het ten overvloede ditmaal naader gedaen, dog te blijven er bij dat ze 'er geen nadere aanwijzing van doen kunnen, en zoo ook andere daarvan iets weeten mogten, is het ligt te denken, datze, immers zo veel sComp:s bediendens aangaat, ignorantie pretendeeren van een geval waarvan alleen het draagen van kennis, zonder het aan te geeven, een misdaad is. Dat ik 'er heb bijgevoegt dat het zelfs niet de eenigste rijs schijnt te weezen dat het is geschied, steund niet op eenig voldoend bewijs dat mij daarvan is voorgekoomen. Jk heb het alleen opgemaekt uijt vertelselen van deeze en geene Jnlanderen en wijl het eene zaak is van 49 Copia van de uijterste aangeleegentheid, dagt ik het mijn pligt te zijn om uw Hoog Edelheeden zelfs mijn vermoeden op dat stuk te moeten bedeelen. Omtrent de goederen die de scheeps vrinden partikulier aanbrengen zal ik mij stiptelijk ge „draagen na het voorschrift van UW Hoog Edelheeden en hun daarin alle moogelijke vrijken laaten behouden Jk zal voorts lettirlijk opvolgen UW Hoog Edelheeden g'eerde ordre om mij te houden buijten de disputen die uijt de verkoopingen der scheeps vrinden aan Engelsen zouden kunnen ontstaen, dog ik verzoek verlof om derweegens deeze eene vraage te mogen doen: hoe zal ik mij gedraagen, zoo het gebuurt dat een Engelsman, het zij uijt hoofde van het niet nakoomen van de koop konditien of anderzins, zig over eenige onzer scheeps vrinden beklaagt? zeg ik dat ik mij daarmeede niet moeijen kan dan is het zeeker dat de klaager zig bij zijn eijgen Re geering of het Jnlands Gouvernement zal addres„ „seeren en daar regt vorderen Onder de post van 20000. rox=s die ik bij mijn eerbiedige van den 5. April jongstl: calculatier bepaalde tien van bepaalde voor alle de verstrekkingen aan de vaste dienaeren zijn begreepen de emolumenten aan dezelve, die op onkosten ordinair worden afgeschreeven, en het zijn alleen de overige ongelden die insgelijks op deezen reekening worden gedraagen, die ik meene dat jaarlijks met min of meer 3000. rop=s zijn goed te maaken. Deeze reekening en de onkos„ „ten van Chialoupen en mindere vaartuijgen is in dit jaer, waarvan ik negen maanden het bestier gehad heb, in vergelijk van het voorgaande Jaer vermindert ƒ5914: 7:8: dog om beide de reekeninge te brngen op ƒ9840. —. zijnde ƒ14705: 10: 8: minder dan in A:o 172/76. dat is niet moogelijk. Dit hoop ik dat Uw Hoog Eelheeden zullen bevinden dat 'er niets dan het geen noodzaakelijk is uijtge „geven word. Met de Engelse Regeering en in zonderheid met de Engelse Chef de Heer Boddam staa ik, zo veel ik niet beeter weet, in goede termen, en ik zoeke dezelve bij alle ontmoetingen heus en met beleeftheid te behandelen. Met de Jnlandse Regeering gaat het insgelijks wel en mij is tot nog toe niets gewijgert van het geen ik nodig gehad heb 50 heb bij haar te laaten vraagen, dog om niet die men„ „schen op den duur wel te staen, moet men om zoo te spreeken gestaadig met de hand in de zak zitten. Gem: Engelte Chef de Heer Boddam vroeg mij kort na mijn komst hier of ik geen geleegent„ „heid hebben zoude om rop:s 25000. voor hem te doen betaalen op Cochim. Jk ontleijde dat op de vriendelijkste wijzen, en daarbij bleef het voor dien tijd, dog een wijl daarna sprak wij 'er over net iemand, zo het schijnt, met oogmerk, dat het mij wederom zoude gezegt worden, en doen men mij daar„ „van kennis gaf liet ik dit ook stilzwijgende doorgaen zonder 'er mij op te verklaeren, even als of ik niet begreep dat de boodschap van hem kwam, maer mij onderdaags een visite doende haalde de Heer Boddam dit weeder op en sprak ie mij over op eene zeer vriendelijke wijze dog die mij niet te min eeniger maaten deed denken dat wij geen wijgerend antwoord van mij verwagte Jk begrijp klaarlijk dat het geen stijl van huis„ „houden is om hier geld op assignatie te ontfangen daer we zelfs geld moeten verzenden, en zo ik het uijt mijn eijgen vermoogen had kunnen goed„ „maaken Copia tien te , - en 1 andte tot gehad heb
English
I would have kept this item outside the Company's expenses, but as this was impossible for me, I hope that Your High Excellencies will favorably indulge me that, as proof that we on our part are not disinclined to show some friendliness as well, I have consented to receive the aforementioned 25000 rupees here from His Honour into the Company's treasury for repayment at Cochim, for which I have given His Honour an assignment on the Ministers there. To make the service more substantial and to prevent that out of modesty one comes to demand no more, I have granted the assignment without agio. I would not have consented to this without the knowledge of the Council, but in order to make them decide on this, I had to lay open to them all the motives I had for it, and I thought it best to keep those things out of the public papers. Upon receipt of Your High Excellencies' letter, I caused further application to be made to the Nabab to allow the linens to be transferred to our wharf. I do not have a definite promise from him on that matter, and he cannot give it to me either without the consent of the English Government. He is, as I am informed, busy persuading the English Government thereto, for which he is particularly having work done at Bombaij with the Governor, Mr. Hornbij, with whom, it is said, he is on very good terms. I have spoken about it in private with Mr. Boddam himself, and he has also, at my request, already written about it to Bombaij to the Governor, Mr. Hornbij, but no reply has yet been received to that. I have until now postponed writing about it myself to Bombaij in order first to see whether it can be obtained otherwise and without placing us under an unnecessary obligation. Until now, I have not been able to introduce my intention to have the linens inspected at separate tables, because the only place in the old Lodge that is still usable for this purpose and where this work currently takes place is too small for it; and in the hope that the Company may get rid of the Lodge through the permission to receive the linens at the wharf, I thought it best to avoid all expenses that would be necessary to arrange the place to some extent accordingly. When I arrived here, the kapok was actually at 80 rupees the candil of 690 lb. Since then, it has risen again to far over 100 rupees, but upon some incoming news, particularly from Bengale, it subsequently dropped all of a sudden. This autumn it was again fairly high, but that lasted no longer than until the ships that were bound for China anyway had their cargo. In Suratte, everything that was good has since been sold, but having heard that there is still some lying at Bounager, I have, in order to fulfill the Demand, given a commission for a parcel, if it can be delivered on the roadstead of Suratte for 91 to 92 rupees the candil, which is currently the price there. If Your High Excellencies continue to desire to be served with it, I ought to have the authorization for its purchase somewhat early in order to be able to profit from the market, and then I request that it be written to me in a separate letter so that it does not become public too early. In order meanwhile to be able to inform Your High Excellencies with more certainty regarding this article, I have had the kapok merchants provide me from their books the prices for which kapok has been sold here for the past 20 years. Your High Excellencies will see from this that the market for it varies greatly, but that when one makes purchases in due time, it can mostly be obtained for more or less the prices I have taken the liberty to communicate to Your High Excellencies. Regarding the piling work, the report of the Engineer Loewe is enclosed herewith, along with the drawings belonging thereto. In the investigation, so far as I know, he has applied all possible attention and diligence, and I think that Your High Excellencies can rely on his indications. He has only been able to make his calculation over 42501 rupees 11, because the remaining expenditures consist of things that cannot now be verified, and on this alone, according to his findings, 25737 rupees 18 more has been charged than the work should actually have cost. A further estimate of this I could not provide, only Your High Excellencies will find in the general letter that with regard to this subject several notable remarks were made in the Resolutions of the 3rd and 23rd of November of the past year. By the general letter it has been pointed out that currently no more remain than six clerks who are actually serving, and one who has already been laid flat in bed for a long time; and concerning the five bookkeepers recalled by Your High Excellencies, whom I indicated in my respectful letter of the 5th of April last could be spared here, I take the liberty to remark that this indication of mine was based on my humble proposal regarding some rearrangements among the employees. Until then, the Dispenser, who is included among them, cannot be spared, nor likewise the second and third at the Warehouses. The first Clerk could also be dispensed with now, only the present one comes in handy to me now and then on account of the English language, and without him I would often be at a loss; moreover, I am somewhat uncertain regarding him, as Your High Excellencies
Dutch transcription
„maaken zoude ik deeze post gehouden hebben buijten lasten van de Comp:, dog dit mij ondoenlijk zijnde hoop ik dat Uw Hoog Edelheeden het mij gunstig inschikken zullen, dat ik ten bewijze dat we van onze zijde niet ongeneegen zijn om ook eenige vriendelijkheid te betoonen, heb gekonsenteerd om de voorsz: rox=s 25000. hier van zijn Ed: in komp=e cas te ontfangen ter weder uijtkeering te Cochim waarvoor ik aan zijn Ed: heb gegeven een assignatie op de Ministers aldaer. Om de dienst te wee„ „zentlijker te maaken en ter voorkooming dat men uijt beschijdentheid, het niet meer komt te vergen heb ik de assignatie verleend zonder agio. zoude hierin niet hebben bewilligt buijten kennis van Raaden, dog ik moest om hen hiertoe te doen besluijten, hen open leggen alle de motiven die ik daarvoor had, en ik heb best gedagt om die dingen te houden buijten de publike papieren. Op den ontfangst van Uw Hoog Edelheeden brief heb ik bij de Nabab naader aanzoek laaten doen om de lijwaaten op onze werf te laaten overbrengen. zeekere toezegging op dat stuk heb ik van hem niet, en wij kan mij die ook niet geeven buijten konsent 51 Copia konsent van de Engelse Regeering. Hij is zo ik geinformeert ben beezig om het Engelse Gouvernement daartoe over te haalen waartoe wij in zonderheid te Bombaij doet werken bij de Heer Gouverneur Woanbij met wien wij, zo men zigt in heel goede termen staat. Met de Heer Boddam zelve heb ik 'er eens in het partikulier over gesprooken, en die heeft ook op mijn verzoek reeds daarover na Bombaij geschreeven aan de Heer Gouverneur Hornbij, dog daarop is nog geen antwoord ontfangen. Om 'er zelfs over na Bom „baij te schrijven dat heb ik tot nog toe uijtgestelt om eerst eens te zien of het buijten dien en zonder ons buijten noodzaakelijkheid onder verpligting te brengen, te verkrijgen is. Jk heb tot nog toe mijn voorneemen om de lijwaaten aan aparte tafels te doen bezigtigen niet kunnen invoeren, om dat de eenigste plaats die hiertoe in de oude Loge nog bruijkbaer is en waar dit werk tans geschied, daartoe te klijn is; en in de hoope dat de Comp: van de Loge - mag afraaken door het verlof om de lijwaaten op tien op de werf te moogen ontfangen, heb ik gemeent alle kosten te moeten meijden die 'er noodig zouden zijn om de plaats daarna eeniger maaten te schikken. Toen ik hier kwam was de kapok wer „kelijk op 80. rop=s het kandijl van 690. lb: zee „dert is ze wederom gesteegen verre over de 100. rdp=s dog op eenige ingekomene tijdingen in zonderheid uijt Bengale, viel ze naderhand weder eensklaps„ Jn dit najaar stond ze wederom tamelijk hoog dog dat duurde niet langer dan tot de scheepen die buijten dien na China moesten hunne laading hadden. Jn Suratte is zeedert alles wat goed was verkogt, dog gehoort hebbende dat 'er te Bounager nog wat legt, heb ik ter voldoening van den Eijsch kommissie gegeven tot een partij zo ze voor 91. â 92. rx:s het kandijl het geen tans daar de prijs, op de suratse Reede kan worden gelevert. Jndien UW Hoog Edelheeden bij voortgang daarvan gelieven gedient te zijn, diende ik wel de qualificatie tot dies inkoop wat vroeg te hebben om van de markt te kunnen profiteeren, en dan ver „zoek ik het mij bij de apparte brief te schrijven op 52 op dat het niet te tijdig rugtbaer word. Om Uw Hoog Edelheeden ondertussen noopens dit artikel met meer zeekerheid te kunnen informeeren heb ik mij door de kapok handelaers uijt haare boeken doen opgeeven de prijsen, waarvoor de kapok hier zeedert 20. Jaeren verkogt is. UW Hoog Edelheeden zullen daaruijt zien dat de markt daarvan zeer verschillende is, dog dat wanneer men daarvan op zijn tijd inkoop doet, ze meerendeels te krijgen is voor min of meer de paijsen die ik de vrij „heid gebruijkt heb Uw Hoog Edelheeden te bedeelen. Noopens het Paalwerk gaat het bericht van den Jngenieur Loewe hiernevens over met de teekeningen die daartoe behooren. Jn het onderzoek zoo veel mij bekent is heeft wij alle moogelijke oplettentheid en vlijt gebruijkt en ik denke dat Uw Hoog Edelheeden op zijne aanwijzingen staat maaken kunnen. Wij heeft zijne bereekening maer kunnen doen over rop:s 42501: 11: wijl de overige uijtgaavens bestaan in dingen die nu niet kunnen worden nagegaan, en hierop alleen is vol„ „gens zijn bevinding rop:s 25737: 18: meer opgebragt dan het werk met der daad had behooren te kosten. Een Copia tien ken den nt een rdp=s heid klaps. hoog epen ding 28 wat Een nadere begrooting zoude ik daarvan niet kunnen doen, alleen zullen uw Hoog Edelheeden bij de gemeene brief vinden dat met betrekking tot dit onderwerp verscheijde nadenkelijke aanteekeningen gedaan zijn bij de Resolutien van den 3. en 23. Novemb: J=o leden„ Bij de gemeene brief is aangeweezen dat er thans niet meer blijven dan ses pennisten die werkelijk dienst doen, en éen die reeds zeedert lange plat te bed legt; en omtrent de door uw„ Hoog Edelheeden opgeroepene vijf boekhouders, die ik bij mijn eerbiedige van den 5. April jongstl: aanwees dat hier zoude te missen zijn, gebruijk ik de vrijnoedigheid van aan te merken, dat deeze mijne aanwijzing steand op mijn nedrig voorstel noopens eenige verschikkingen onder de bediendens. Tot zo lange is de Dispencier, die daaronder begreepen is, niet te missen en insgelijks niet de tweede en derde bij de Pakhuijsen. Buijten de eerste Clerk kan het ook nu gestelt worden, alleen komt mij de tegenswoordige nu en dan te pas om de wille van de Engelse taal en ik zoude zonder hem veel „tijds verleegen zijn, bovendien ben ik noopens de„ zelve wat onzeeker wijl Uw Hoog Edelheeden Hoogst
English
Their High Mightinesses have postponed decisions regarding the qualified servants, among whom the First Clerk here has always been understood to belong. I would have sent the sworn Clerk from the Secretariat, but that man has long been very ill and remains to this day without much hope of recovery. With reference to my aforesaid respectful indication, I further take the liberty to remark here that since it has been found that the keeping of the accounts of the Moorish seafaring men cannot be done according to my humble proposal, the post of Pay-Bookkeeper, which I had otherwise thought could be attended to by the Chief Administrator, must remain in existence on account of the vast amount of work attached to it. In the beginning of August I had an incident here that threatened to cause much trouble. At daybreak a Parsi was found dead here on our wharf, and the rumour immediately spread that this man had been seen hale and hearty the evening before, and that he therefore must have been killed by one of the Dutchmen. Some even stated that they would bring witnesses that there had been a great commotion on the wharf here during the night and that they had heard this man calling for help in distress, and all these rumours spread immediately among the Native Regents. The Parsis, who gathered there at once and made a great clamour, would not allow the corpse to be examined in any manner, and I was thus in great uncertainty as to what the situation might be. I immediately gave notice of this to the Nabab and meanwhile did my best, through the Broker Mantchergie, who is a Parsi and whom I had summoned to me, to calm the people as much as possible, and in case the worst should perhaps be true, I instructed him to grease the palms of the deceased's relatives somewhat so that we might not again run into the same difficulties that arose over a similar incident in 1757. Mantchergie performed great service on this occasion, and he soon brought matters so far that the people remained satisfied and even went to the Nabab to declare that they had been misinformed, and that the deceased, who had always indulged excessively in drink, had probably died from the immoderate use thereof. All of this would still not have helped had not the Baktie, commander of the Nabab's troops, a man who since my arrival, for what reason I know not, seems very well disposed toward me, intervened and caused the Nabab to resolve to grant permission to bury the corpse. The case is described in great detail in the Secret Resolution of 7 August, which is among the enclosures hereto, and to which I take the liberty to refer. To appease the Parsis, Mantchergie had to spend 625 ropijen, but I gave no notice of this circumstance in the council because I feared it might transpire, which would have gotten me into new difficulties, and I hereby request Your Right Honours' authorization to write off this money. What actually happened in this case I have never been able rightly to ascertain, but I readily believe that some mischief gave rise to it, and because this too, in a country such as we are in here, cannot be sufficiently guarded against, the Fiscal was ordered to make a quiet inquiry into it, but he has been unable to find it out, as appears from the Secret Resolution of 3 November, which likewise is forwarded among the enclosures. Concerning the state of this Office, I hope Your Right Honours will find reasons for satisfaction. The profits on the spices and other merchandise amount in the latest financial year to f 504194: 13: —, being, after deduction of f 67227: — which were carried on the ordinary expense accounts, f 436967: 13: —. I do not calculate these profits and expenses here inadvertently, but specifically to be able to compare them more easily against the indications that the Councillors of the Dutch Indies Schreuder and Senff made over a series of years at the back of the Memoranda left behind here by Their Honours. The profit realized on the goods sold in bulk on this occasion, brought by the ships Stavenisse and Jonge Lieve, of which a detailed report is given in the general letter, amounts to f 538853: 2: —, yielding 215¼ per cent, or actually, if one takes into account that the ropijen in which the sale is calculated reduce to less than the ducatons according to whose value the calculation is made in Batavia, 225 per cent. The Company has only very rarely enjoyed this profit on average here, even in those times which are to be regarded as the best, unless in years when the profit from spices stood extraordinarily out of proportion against the trade in other goods, as in 1768/69 and 1715/16. In the 18 years of which the aforementioned Extraordinary Councillor Senff gives an indication at the back of his Memorandum, an average of 250 7/8 per cent was profited only once, namely in the year 1762/63, and in all the remaining 17 years it runs far below 200, and in most below 150 per cent. With the aforesaid sale and the spices that were sold in this financial year and before entering into the latest purchase contract, together with the sugar that
Dutch transcription
53 Hoogst Derzelver besluijten omtrent de gequalifi„ „ceerde bediendens, waaronder de eerste Clerk hier altoos begreepen is te behooren, nog hebben uijt„ „gestelt. De geswoore Clerk op de tecretarij zoude ik gezonden hebben, dog die Man is zeedert lange heel ziek en blijft tot nog toe zonder veel hoop van herstelling. Met betrekking tot voorsz: mijn eerbiedige aanwijzing, ben ik voorts zoo vrij hier nog aan te merken, dat wijl bevonden is dat het houden der reekeningen van de Moorte zeevaarende naar mijn nedrig voorstel niet kan aangaan, de post van zoldij boekhouder, die ik anderzins had gemeent dat bij de Hoofdadminis„ „trateur zoude kunnen zijn waargenoomen, diend in weezen te blijven om het veele werk dat daar aan vast is. Jn het begin van August had ik hier een voorval dat geschaapen stond veele moeijte te zullen voortbrengen. Met het aanbreeken van den dag wierd hier een Persie op onze werf dood gevonden en het gerucht ging aan„ „stonds dat deeze Man 'savonds te vooren nog gezond en wel gezien was, en dat wij dus door een Copia tien t een van de Hollanders moest zijn omgebragt. Zom„ migen zelfs lieten zig uijt dat ze getuijgens zouden brengen dat hier snagts op de werf een groot gerucht geweest was en dat ze deeze Man in nood zijnde, om hulp hadden hooren roepen, en alle deeze geruchten verspreijden zig ten eersten bij de Jnlandse Regenten. De Persis die zig aanstonds daarbij verzamelden en een groot ge „schreeuw maakten, wilden niet toestaan dat het Lijk op eeniger hande wijze wierd gevisiteerd en ik was dus in groote onzeekerheid wat van het geval zijn mogt. Jk liet hiervan daade„ „lijk kennis geeven aan de Nabab en deed onder „tussen mijn best om door de Makelaer Mant„ chergie, die een Persi is en ik bij mij ontboo„ „den had, het volk zo veel moogelijk ter needer te zetten, en of zomtijds het ergste mogt waer weezen, gaf ik hem last om de vrienden van den overleedene wat de handen te moogen vullen op dat we niet wederom mogten koomen in de zelfde moegelijkheeden die over een diergelijk geval in 1757. zijn ontstaan. Mantchiergie heeft in deeze geleegentheid veel dienst gedaan en Hij „ 54 Wij bragt het eerlang zoo verre dat het volk zig te vreede hield en dat ze zelfs na de Nabab gingen, om te verklaaren, dat ze kwaalijk waaren onder „rigt geweest, en dat den overleedene, die zig altoos zeer misgaan had in de drank, waarschijnlijk door het overmaatig gebruijk daarvan gestorven was. Dit zoude nog alles niet geholpen hebben zoo niet de Baktie /: Orratte van 's Nababs troupen:/ een Man die mij zeedert mijn komst, ik weet niet waarom, zeer toegedaan schijnt, zig daarmede had gemoeijt, en de Nabab doen besluijten tot het geeven van verlof om het lijk te begraaven. Het geval is zeer omstandig beschreeven bij de sekreete Resolutie van den 7. August die onder de bijlaagen deezes legt, en waaraan ik de vrijheid neem mij te gedraagen. Om de Persis te vreede te stellen heeft Mantchergie 625. ropijen moeten besteeden, dog van deeze omstandigheid heb ik in de verga„ „dering geen kennis gegeven om dat ik bang was dat het mogt transpireeren, dat mij aan nieuwe moegelijkheeden zoude hebben geholpen, en ik ver„ „zoek Uw Hoog Edelheeden mits deezen qualificatie om dit geld te moogen laaten afschryven -. wat Copia tien zouden zom„ wat eijgentlijk van dit geval is heb ik nooijt regt kunnen te weeten koomen, dog ik geloof haast dat 'er wat baldadigheid aanlijding toe gegeven heeft, en om dat ook dit in een land als wij hier zijn, niet genoeg kan worden geweert, is de fiskaal gelast om 'er in stilte onderzoek op te doen, dog hij heeft het niet kunnen uijtvinden blijkens sekreete Resolutie van den 3. Novemb: die insgelijks onder de bijlaagen overgaat. Over den staat van dit Comptoir hoop ik dat Uw Hoog Edelheeden reedenen van voldoening vierden zullen. De winsten op de specerijen en andere koopmanschappen bedraagen in het jongste boekjaer ƒ504194: 13:—. zijnde na aftrek van ƒ 67227:—. die op de gewoone last reekeningen gedraagen zijn ƒ436967: 13. —. Jk reeken hier niet voordagt alleen deeze winsten en lasten, om ze te gemakkelijker te kunnen vergelijken teegens de aanwijzingen die de Heeren Raaden van Nederlands Jndien Schaeu„ „der en Serff geduurende een reeks van Jaaren daarvan gedaan hebben agter de bij Hun Ed=s hier nagelaa„ „tene Memorien Het geproflueerde op de ditmaal in de massa 55 Copia massa verkogte goederen, aangebragt met de scheepen Stavenisse in de Joage Lieve, waarvan bij de gemeene brief omstandig verslag gedaan word bedraagt ƒ538853:2. — geevende 215¼ p:r C=os of wer„ kelijk als men agt geeft op het geen de ropijen waarna de verkoop bereekent is, minder reduceeren dan doen de ducatons na welkers waarde de aan „reekening te Batavia is gedaan 225. p:r C=os. Deeze winst door malkanderen heeft de Comp: zelfs in die tijden die voor de beste te houden zijn, hier niet dan zeer zeldzaam genooten, ten zij in Jaaren dat het geproflueerde uijt de specerijen buijten gewoon ongelijk heeft gestaan teegens den vertier van andere goederen gelijk in 17 6/69. en 17 3/16: Jn de 18. Jaaren waarvan welgem: Heer Raad extra ordinair Seuff agter zijn Memorie aanwijzing doet, is 'er maar eens namentlijk in het Jaer 17 2/3. door malkanderen geprofiteerd 250 7/8. p:r C=os en in alle de overige 17. Jaaren loopt het verre beneeden de 200. en in de meeste beneeden de 150. p:r C=os Met voorsz: verkoop en de specerijen die in dit boekjaer en voor het aangaan van het jongste koop kontrakt zijn verkogt, mitsgaders de zuijker die t tien
English
which remained in balance under the ultimo of August, the profits of this year will surpass those of the concluded financial year. It would be an extravagant recklessness to present these profits as fixed sums that the Company can achieve here annually, yet I do not see why, barring adversities to which all human arrangements are subject, it should differ so very much, and might not even be exceeded, if Your Noble Excellencies are so good as to continually provide this factory with good quantities of merchandise, just as in this year. The sugar can often be sold higher, and the copper as well. I request permission to briefly compare this against former times according to the demonstration that the late Ordinary Councillor Schreuder gives at the back of the Memorandum he left here. After deduction of that which is charged to the ordinary expense accounts, the profits of 80. years up to the end of his administration did not amount to more than ƒ359253: 16: 14: Indies or ƒ287403:5: — Dutch each year, taking all the years together on average, and under the administration of his Honor himself, which is usually still considered a good time, not more than ƒ280345: 18: 9: Indies or ƒ224277: 6:9: Dutch. In the subsequent 18. years until the end of the administration of the late Extraordinary Councillor Seuff, the profits increased remarkably through a far greater sale of goods; however, after deduction of the aforesaid expenses, taking these 18. years on average, according to the demonstration that the said Mr. Seuff gives at the back of his left Memorandum, they did not amount to more than ƒ 509643:—. Indies or ƒ407714: 8: 8. Dutch each year. The profits that the Company can still enjoy here after deduction of the expenses thus far surpass the advances achieved up to the year 1750: when calculating good and bad years together, and can still stand well equal with the retained profits in the aforesaid 18. years. Surat is thus not only still reasonably good, but can even in many respects still be quite as advantageous for the Company as formerly, especially when one considers that the profits previously achieved were made with a great multitude of ships compared to those which the Company now uses for the Surat trade. Your Noble Excellencies are so good as to say that Your highest trust that the interests of the Society under my administration in this Directorate will be faithfully observed and looked after, setting aside all impermissible greed, constituted the principal reason for my appointment as Director. This serves as the greatest honor to me. I have always made it my business to know my duties and, by performing them, seek to fulfill the oath with which I am bound to the Company, but through the refusal of the bonus for which I respectfully petitioned Your Noble Excellencies, I find myself in very difficult circumstances. The fortune that I have made up to now is very limited, which is easy to imagine from the various offices that I have held during the more than 20. years that I have had the honor to serve the Company, and it is thus impossible for me to subsist for long from my own wealth, for with the income that I have here I cannot get by at all, no matter how I manage it. The same amounts in total, with salary and emoluments and that which I enjoy from the tolls, together with the ¼. per Cent cashier's fee that the merchants pay, calculated at the highest to not five thousand rupees, and beyond that I have nothing. As the head of a factory, no matter how modestly I live, I cannot avoid living in a somewhat respectable manner. The stable and Company's garden, the latter of which cannot be spared because our vessels must lie there in the rainy season, are entirely at my expense. Daily people trouble me now for this, then for that, because the natives always need something. Sometimes it amounts to quite a bit, and although it consists for the greater part of trivialities which cannot decently be billed to the Company, through their frequency it constitutes a considerable item of expense for the Director. Meanwhile, this is an ancient custom which cannot be omitted without causing great hindrance to the progress of the work in a country such as we are in here, where one must keep on friendly terms not only with the rulers, but even with the lowest customs officer and all others with whom one has to deal in any way. Without that, one would constantly have to lodge complaints about all kinds of trivialities, and then one generally accomplishes little else with that than putting things off into the long grass. This is the pure and naked truth of the case in which I find myself, and I hope that Your Noble Excellencies, in favorable consideration of the same, will please deduce from this whether it is feasible for any human being to live on such a footing that one lives in constant anxiety regarding his personal affairs
Dutch transcription
die onder ult=o August nog is bij restant geblee„ „ven zullen de winsten van dit jaer die van het afgelegde boekjaer nog overtreffen. Het zoude een buijten spoorige onbedagtzaamheid zijn om deeze winsten aan te geeven voor vaste sommas die de Comp: hier jaarlijks behaalen kan, dog ik zie niet waarom het buijten tegenspoeden, waaraan alle menschelijke bestellingen onderworpen zijn, zoo heel veel zoude moeten scheelen en zelfs het niet nog zoude kunnen te booven gaan, als uw Hoog Edelheeden zoo goet zijn dit komptoir bij aan„ „houdentheid gelijk in dit Jaer met goede partijen aan koopmanschappen te voorzien. De zuijker kan veeltijds hooger verkogt worden en het kooper ook. Jk verzoek verlof om hier teegens de vroegere tijden kortelijk te moogen vergelijken volgens de aanwijzing die wijlen den Heer Raad ordinair Schreuder agter de bij zijn Ed: hier nagelaatene Memorie doet hebben de winsten van 80. Jaaren tot het eijnde van desselfs bestier, na aftrek van het geene op de gewoone last ree„ „keningen gedraagen word, elk Jaer als men alle de 56 de Jaaren door malkanderen reekent, niet meer bedraagen dan ƒ359253: 16: 14: Jndias of ƒ287403:5: — nederlands, en onder het bestier van zijn Ed: zelve dat gewoonlijk nog voor een goede tijd gereekent word, niet meer dan ƒ280345: 18: 9: Jndias of ƒ224277: 6:9: nederlands. Jn de daaraan gevolgde 18. Jaaren tot het eijnde van het bestier van wijlen den Heer Raad extra ordinair Seuff zijn de winsten merkelijk toegenoomen door een veel veel grooter verkoop van goederen, egter hebben dezelve na aftrek van de voorsz: lasten elk Jaer als men deeze 18. Jaaren door een reekent, volgens de aanwijzing die gem: Heer Seuff agter zijn nagelaatene Memorie doet, niet meer bedragen dan ƒ 509643:—. Jndias of ƒ407714: 8: 8. nederlands De winsten die de Comp: hier nog genieten kan na aftrek van de lasten overtreffen dus verre de advancen tot het jaer 1750: behaalt als men goede en kwaade Jaaren door een reekent, en kunnen nog ruijm egaal staan met de over behoudene winsten in de voorsz: 18. Jaaren Suratte is dus niet alleen nog tamelijk goed maer kan zelfs in veele opzigten nog ruijm zoo Copia 1 i tien 7 ook. zoo voordeelig zijn voor de Comp: als eertijds, in zon„ „derheid als men daarbij bedenkt dat de winsten voorheen behaalt zijn met een groote meenigte van scheepen in vergelijk van de geene die de Comp: nu tot den sturatsen Handel gebruijkt UW Hoog Edelheeden zijn zo goet van te zeggen dat Hoogst Derzelver vertrouwen, dat de belangen der Maatschappij onder mijn bestier in deeze Direktie getrouw waargenoomen en met ter zijde stelling van alle ongepermitteerde hebzugt behaa„ „tigt zullen worden, de voornaamste reeden heeft uijtgemaekt van mijn aanstelling tot Direkteur Dit strekt mij tot de grootste eere . Jk heb en altijd mijn werk van gemaekt om mijne pligten te kennen en met die te doen zoeken te vervullen den eed waarmeede ik aan de Comp: verbonden ben, dog door de ontzegging van het douceur waarom ik Uw Hoog Edelheeden eerbiedig heb verzogt vinde ik mij in zeer moejelijke omstanden. Het fortuijn dat ik tot nog toe heb gemaekt is zeer bepaald, het geen uijt de verscheijdene ampten die ik bekleed heb zeedert 57 Copia zeedert groote 20. Jaaren dat ik de eere heb de Comp: te dienen, ligt te bedenken valt, en het is mij dus onmoogelijk om uijt mijn eijgen ver„ moogen lange te kunnen bestaan, want met het inkoomen dat ik hier heb kan ik volstrekt niet rondschieten hoe ik het ook zoude willen aanleggen. Het zelve bedraagt in het geheel met gagie en emolumenten en het geen ik uijt de thollen geniet mitsgaders het ¼. p:r C=to kassiers geld dat de kooplieden betaalen, op zijn hoogst ge „reekent geen vijf duijzend ropijen en buijten dien heb ik niets. Als het hoofd van een Comptoir kan ik 'er niet om heen hoe borgialijk ik het ook maak, om eeniger maaten ordentelijk te leeven. De stal en komp=s thuijn en deeze laatste is niet te missen om dat 'er onze vaartuijgen in de regen tijd moeten leggen, staan geheel tot mijn lasten. Daagelijks valt men mij lastig dan om deeze dan om geene dingen, want de Jnlanderen hebben altijd wat noodig. Zomtijts bedraagt het nog al wat en schoon het ook voor het grootere gedeelte bestaat tien bestaat in klijnigheiden, die met fatzoen de Comp: niet in reekening te brengen zijn, maakt het door de meenigvuldigheid een merkelijke last post uijt voor de Direkteur. Dit is ondertussen een aloude gewoonte die men zonder grooten hinder toe te brengen aan de voortgang van het werk, niet nalaaten kan in een land als wij hier zijn, daar men niet alleen de Regenten maer zelfs de minste thol bediende en alle andere met wien men op eeniger hande wijze te doen heeft moet te vriend houden. zonder dat zoude men gestaadig over aller hande klijnigheeden moeten doen klaagen en dan regt men daarmeede door „gaans nog niet veel anders uijt dan dat men de dingen brengt op de lange baan Dit is de zuivere en naakte waarheid van het geval waarin ik mij bevinden en ik „hoope dat Uw Hoog Edelheeden in gunstige Consi„ „deratie van hetzelve daaruijt zullen gelieven „ af te neemen of het voor eenig Mens uijtvoer„ „lijk is om op zulk een voet (:dat men omtrent zijne bezondere zaaken in een gestadige bekommering leeven