VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3514

Coromandel · 1,140 pages · 205 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3514_1107 view scan ↗

English

The 27th of November 1778 And that with the sent stationery, they will manage until the arrival of the ships, passed into account: already having been sent, it is also trusted that the collection can thereby be vigorously continued. Furthermore, on the servants' request for writing materials, it has been resolved to mention in the outgoing letter that it is hoped they will manage with what has been sent until the arrival of the ships in the coming year, as nothing more from the stock here can be supplied for their requisition. Subsequently, with respect to Jaggernaikpoeram, upon review of the servants' letters from the 4th of May to the 20th of August last inclusive and their annexes, it has been resolved to pass for write-off the expense accounts for the months of March, April, May, June, and July last, as upon examination nothing was found to comment upon them. Furthermore. The 27th of November 1778 The requisition of necessities for 1779 to be satisfied when convenient; hope that with the received nutmegs and mace they will manage in the coming year; receipt of corrected report on the cargo of the Eendragt. Furthermore, after deliberation on the Jaggernaikpoeram requisition of necessities for the year 1779, it was approved and resolved to satisfy it when convenient, but in the letter to inform the chiefs of the government's expectation that they will take care to manage until next year with the nutmegs and mace received from Batavia, since their successive requisitions, especially for mace, have already been met as much as could possibly be spared. The chiefs having transmitted with their letter of the 17th of June a corrected report concerning the delivered cargo of the bark the Eendragt in the past year, it has been resolved, while communicating its receipt, to recommend to them to exercise more attentiveness in the future when compiling reports and similar papers than was done by them in the past year when drawing up the aforementioned report, since the examination of such erroneous statements as were made therein costs much trouble and writing. And furthermore, to acknowledge as communication the reported death of the bookkeeper Gillis Willem van Schrick. To remove the difficulties brought forward by the chiefs in their letter of the 27th of June against retaining rejected goods for shipment hither to be sold for the merchants' account without their accounts being credited for them beforehand, as previously used to happen very improperly at Jaggernaikpoeram, it was resolved to rescind herewith the order given in that regard by letter of the 4th of March last, and consequently to authorize the chiefs by virtue of this to return in the future to all merchants who are settled with the Company, or who have refunded the excess money received into the treasury, all the rejected goods retained from them, in order to sell them publicly where and to whom they wish, provided they take care that the delinquent merchants or those who cannot balance their accounts in cash do not do so through rejected goods; further informing them that in this case it has been decided to leave their outstanding amount each time for the chiefs' account, and to refer them to the rejected goods as their guarantee. The 27th of November 1778 Order to pay the fine concerning the gardener and gatekeeper absolutely, and why. Furthermore, the chiefs having very emphatically requested to be exempted from the fine imposed upon them of two months' salary for charging a gardener and gatekeeper in the expense account of the month of August 1777, with the assurance that they were guilty of not the slightest disobedience in that regard: it was approved and resolved, considering that the charging of a gardener and gatekeeper was prohibited to them early enough by missive of the 17th of July 1777, which will certainly have arrived at Jaggernaikpoeram early enough that the ordered change could have been made in the expense account of August, given that it was only sent from Jaggernaikpoeram on the 25th of September, not only to persist in the decision taken in that regard on the 10th of January last, but also to remark in the outgoing letter that it appears quite strange to this Council that the chiefs dare to cite the late receipt of the government's letter as their excuse, since they nevertheless charged the aforementioned servants during the first six months of the book year 1777/8 without concerning themselves in the least with the aforementioned order; as had already been remarked with great vexation by this Council in the missive of the 10th of July of this year. By

Dutch transcription

945 Den 27. November 1778 En dat met het gesonden schrijffthuijg tot de komst der „scheepen sullen rond schit„ P„ reeck gepasseerde: reeds toegezonden zijn, men ook vertrouwt, dat den inzaam daarmeede met kragt zal kunnen worden voortgezit. Wijders is nog, op der Bediendens ver„ zoek, om schrijf behoeftens, verstaan, bij den af„ tene gaanden brief aan te haalen, dat men hoopt, dat zij met het toegezondene zullen rond schieten tot de aankomst der scheepen in het aanstaande jaar, uit hoofden men uit den voorraad alhier niets meer op hunnen Eisch voldoen kan. Vervolgens is, ten aanzien van Iagger verschijden Jagemeick p=r naikpoeram op der bediendens brieven van den 4. Maij tot den 20:' Augustus laast leeden inclu„ sive en haare bijlaagen na resumptie verstaan, ter afschrijving te passeeren de onkostreekenin„ gen van de maanden Maart, April, Maij, Junij en Julij laastleeden, alzoo op dezelver niets te remarqueeren gevallen is bij examinatie. Wijders Den 27 November 1778 De Eijsch van benco„ digth: voor 1779. bij ge„ legendheid te voldoen nooten en foelij in 't aanstaande Iaar zullen rondschieten. ontvang verbeeterde bevending derlading vande Endragt Wijders is, na deliberatie over den Tagger„ naikpoeramschen Eischo van benoodigd heeden voor den Jaare 1779, goedgevonden en verstaan, hoope dat met de ontfange die wel bij gelegendheid te voldoen, dog in't lis schen aan de opperhoofden te kennen te geven de verwagting der Regeering, dat zij zorg zullen draagen om met de van Batavia ontvangen nooten en Foelij tot in het aanstaande jaar zond te schieten alzoo men op hunne Successive Eisschen vooral van foelij bereeds zoo veel vold aan heeft, als maar eenigzint te missen geweest is. Door de Copperhoofden nevens haaren brief van den 17.:' Iunij overgezonden zijnde een verbeeterde Bevinding wegens de uitgeleverde laading van de bark de Eendragt in anno p„so, zoo is onder Commu„ nicatie van dies ontvangst verstaan, hun te recomman„ deeren, om voortaan bij het zamen stellen van bevinden 947 Den 27 November 1778 tendheijde overleeden Consent de uijtschotten aan„ de Coopl: te rugtegeeven. Bevindingen en Soortgelijke papieren wat meer recommandatie tot oplet„ der oplettendheid te gebruiken, als door hun in anno p„so bij het opmaaken van de voorsz: Bevin„ ding geschied is, nadien het onderzoek van dier„ gelijke abusive opgave als daarbij waren gedaan, maar veel moeiten en schrijven kost. En wijders voor Communicatie aan te neemen voorbedeed van Sehrieks het bedeeld overlijden van den Boekhouder Gillis Willem van Schrick. Tot weg neeming van de Swarigheeden door de Opperhoofden bij brief van den 27:' Iunij ingebragt tegens het aanhouden van uitschot ten ter verzending herwaarts, om voor der Cooplieeden reekening verkogt te kunnen wor„ der zonder dat hunne reekeningen daar voor al voorens mogen worden gecrediteerd, gelijk van te vooren op Jaggernaikpoeram zeer verkeer„ delijk plagt te geschieden, is verstaan van de dier „ len voor den opperh: reecq: dierwegens gegeven ordre bij brief van den 4. –. Maart pass=o bij deezen te resilieeren, en dienvolgende de opperhoofden uit kragte deezes te qualificeeren, om voortaan aan alle de Coop„ lieden, die met de Compagnie effen staan, of die het door hun te veel genooten geld in Cassa gerestitueerd hebben, te volg te geven alle de van hun aangehouden uitschotten, ten einde die pub„ licq te mogen verkoopen, waar, en aan wien dog lating der agterstal zij willen, mits zij maar bedagt zijn, dat de agterstallige kooplieden of de zoodanigen die hunne reekeningen niet door Contanten verevenen kunnen, het niet doen door uit„ schotten; onder te kenne geving verder, dat men in dit Cas beslooten heeft hun agterstallig mon„ tant telkens voor der opperhoofden reekening te laaten, mitsg:s hun ten aanzien van haar Den 27 November 1778 gerant 949 Den 27 November 1778 Last de boete nop„s tuij„ nier en portier absolut te voldoen, en waarom. garant op de uitschotten over te wijzen. Wijders door de opperhoofden met zeer veel nadruk verzogt zijnde, om ontheft te mo„ gen worden van de hun opgelegde boete van twee maanden gage, voor het opbrengen van bij de onkost reekening een Tuinier en Portier van de maand Augustus 1777. , met betuiging dat zij zig daaromtrent aan geen de minste desobedientie hadden schuldig gemaakt: zoo is uit aanmerking, men het opbrengen van een Tuinier en Portier hun tijdig genoeg„ g no. 9, off bij missive van den 17:' Julij 1777. geinter d„o diceerd heeft, die zekerlijk wel zoo vroeg op Taggernaikpoeram zal weezen aangebragt, dat de geordonneerde verandering bij de on¬ kostreekening van Augustus hadt kunnen geschieden, gemerkt, dezelve eert op den 25. ' Sept. Den 27 November 1778 Vervolg September van Jaggernaikpoeram is verzonden geworden, goed gevonden en verstaan, niet alleen bij het dierweegens op den 10. Januarij passs=o genomen tesluit te persisteeren, maar ook bij den afgaanden brief te remarqueeren, dat het deezen Raade vrij wat vreemd voor„ komt, dat de Opperhoofden de laate receptie van den brief der Regeering tot haare ver„ Schooning durven aanhaalen, daar zij immers geduurende de eerste zes maanden van het Boek jaar 177 7/8 de voorsz. bedienden hebben opgebragt, zonder zig in het minste de voorgewaag„ de ordre te bekreunen; gelijk door deezen Raade bereeds met zeer veel ergernis was ge„ remarqueerd geworden bij missive van den 10. ' Julij deezes jaars. Door

NL-HaNA_1.04.02_3514_1113 view scan ↗

English

951 The 27 November 1778 Approved the payment of the lease gift money for Rajamahindrawarom; assignment granted. De Nijs for his bonus. Requests in due time. Communicated, the arrival of Ridderkerk. Displeasure over the remark made by the Palicol chiefs on that of the Gentlemen Superiors regarding the decrease of arrears. Since the servants, according to annual custom and upon obtaining the usual receipt and dastaks, have paid to the Mazulipatnam Government the annual lease and gift moneys of Jaggernackpoeram on account of the Province Raijemahindrawarom, it is agreed to approve the same, and also to consider as communicated the notified change that had occurred with respect to the collection of the revenues of the Province Jaggernaikperam, since this, according to the servants' report, was done this year by the Madraspatnam Government instead of the Mazulipatnam one. An assignment to the Netherlands having already been granted to the Secunde de Nijs for his share of the bonus from the Coromandel linens sold in the Netherlands in the year 1776: it is not only agreed to make mention of this in the outgoing letter, but also, pursuant to his request, to permit him to have his share thereof received annually in the Netherlands, provided he submits a request for it in due time; While for the rest it is further agreed to accept for information the report given by the Chiefs regarding the arrival there of the ship Ridderkerk, destined from Batavia to Bengal. With regard to Palicol, after reading the Chiefs' letters from 31 March to 25 August of this year inclusive, it is in the first place agreed to remark in the outgoing letter, 953. The 27 November 1778 Continuation will happen and why; holding the chiefs blameless regarding the new arrears. that when it comes to complying with orders given by Superiors, no one is at liberty to make remarks concerning them, and that the Chiefs could therefore well have paid into the Cash the merchants' small arrears in the preceding year to the amount of ƒ 73. 8. 8., as ordered from here by missive of 21 January, without remarking in that regard, as was done by them in their letter of 31 March, that this payment into the Cash was made by them although the Company had been indemnified by ƒ 647:7:— in rejected goods; also citing that such a remark not only conflicts with the respect they owe to this Council, but would also completely overturn the order established by Their High Noblenesses concerning the annual balancing of the merchants' accounts, since it was very expressly ordered thereby that the same must not be closed with a deficit balance, as the Chiefs hoped had not been done; provided that it is consequently also hoped that this will not occur again, as this Council will each time leave the deficit balance for their account, without concerning itself in any way with the merchants' rejected goods, and this in conformity with what was written by Their High Noblenesses in the very venerable missive of 15 May of this year. Meanwhile, upon the assurance of the Chiefs that the aforesaid arrears had been caused 955 The 27 November 1778. Why the imposed compensation cannot be revoked. But under which citation. Appointment of a merchant. No others to be nominated, and why. by the pernicious habit of the rejected merchants of bringing in the poorest cloths at the very last, in the hope that one would then overlook some things due to the shortage of time, it is agreed to hold the Chiefs blameless in that regard; but at the same time to cite in the outgoing letter that it is trusted in this respect that they will always keep in mind the remark previously quoted by them, namely that it is better to leave the Demands unfulfilled than to saddle the Company with bad goods, provided however that in such an unexpected event they take the utmost care for the recovery of the moneys advanced in excess on deliveries; furthermore notifying them that, however blameless they may be in the aforesaid case, one cannot, without violation of the order militating against it, revoke the compensation imposed on them, the more so as they, the Chiefs, can find their guarantee twice over from the proceeds of the sold rejected goods. In place of the deceased merchant Bangier Narsaija, it is agreed, upon the favorable recommendation of the servants, to appoint as merchant in the trade there his son Nara Telve, but at the same time resolved to let the number of Palicol merchants die down to 6 persons, as it is trusted that with this small number the procurement there will be carried out with greater zeal and success than by the 15 persons who presently have a share in the procurement, and this on account of the greater interest which it is assumed with reason that they, in consideration of the greater profits, in

Dutch transcription

951 Den 27 November 1778 geapprobeerd de afgave der pagter schenk: penn: voor Rajamahindrawarom assignatie verleend. Door de bediendens na jaarelijksche gewoonten en onder erlanging van de gewoone quitantie en dastekken aan de Mazulipatnam„ sche Regeering afgegeven zijnde de jaarelijk„ sche Pagt- en Schenkagie-penningen van Jag„ gernack poevam wegens de Provincie Raije¬ mahindrawarom, zoo is verstaan, zulx te approbeeren en teffens voor gecommuniceerd te houden de bedeelde verandering die 'er voorgevallen was, met opzigt tot het invorde„ ren der revenuën van de Provincie Jagger¬ naikperam, alzoo zulx, volgens der bedien„ dens berigt in dit jaar door de Madras„ patnamsche Regeering in steede van de Ma„ Zulipatnamsche geschied is. Aan den Secunde de Nijs bereeds een Deneijs voor zijn douceur assignatie na Nederland verleend zijnde, voor versoeken wog tijdig. voorbedeeld, de arrive van Reddlerkerke ongenoegen voorde Gemaakte te marcq: door De Pallicolce opperh:t op den van den Heeren, majores noppens de diminuta der agtertallen. voor zijn aandeel op het douceur uit de in anno. 1776. in Nederland verkogte Chorman¬ delsche lijwaaten: zoo is niet alleen verstaan, daar van bij den afgaanden brief gewagte Content sulx Jaarlijks te maaken, maar hem teffens ingevolge zijn verzoek te permitteeren, om jaarelijx zijn aandeel in het zelve in Nederland te mogen laaten ontvangen mits 'er bij tijds verzoek om doende; Terwijl voor 't overige nog verstaan is voor Communicatie aan te neemen het gegeven berigt door de Opperhoofden wegens de aankomst al„ daar van het van Batavia na Bengalen gedestineerde Schip Ridderkerk. Ten aanzien van Palicol, is na lec¬ tuure van der Opperhoofden brieven van den 31:' Maart tot den 25:' Augustus deezes jaars inclu„ sive, vooraf verstaan bij den afgaanden brief te Den 27 November 1778 remar 953. Den 27 November 1770 Vervolg remarqueeren, dat wanneer het aankomt op het voldoen van ordre door Superieuren gege¬ ven het niemand vrij staat daaromtrend re„ marques te maaken, en dat de Opperhoofden derhalven het gering agterstal der kooplieden in anno p„o tot ƒ 73. 8. 8. volgens het van hier geordonneerde bij missive van den 21 Januari wel in Cassa hadden kunnen voldoen zon„ der daar omtrent, gelijk door hun bij brief van den 31:' Maart is gedaan, te remarquee„ ren, dat die in Cassa telling door hun geschied was, Schoon de Compagnie wel door ƒ 647:7:—. aan uitschotten was gededomageerd; onder aanhaaling teffens dat zulk een aanmerking niet alleen aanloopt tegens het respect dat zij aan deezen Raade verschuldigd zijn, maar ook ten eenemaal om ver zoude werpen de gestelde Den 27 November 1778. geschieden sal een waarom onschuldig houding der opperh: weeg:s de nieuwe agterstal gestelde ordre, door Hunne Hoog Edelhedens op het jaarelijks verevenen van der koop„ lieden reekeningen, alzoo daarbij wel uit„ drukkelijk is gelast geworden, dat dezelve met geen nadeelig saldo mogen worden af„ geslooten, gelijk door de Opperhoofden ge„ hoopd dat zulx niet wier daan was; mitsg:s dat men dien volgende ook hoopt, dat zulx niet meer zale geschie„ den, alzoo deezen Raade telkens het na„ deelig Saldo voor hunne reekening laaten zal, zonder zig eenigzins met de uitschot„ ten der kooplieden te bemoeijen, en zulx in Conformite van het aangeschrevene door Hunne Hoog Edelhedens bij zeer gevenereerde missive van den 15e. Maij deezes jaars. Ondertusschen is op de verzekering der Opperhooffden, dat het voorsz: agterstal veroor„ Zaast 955 Den 27 November 1778. ling waarom er aande opgelegde vergulding niet kan geresili„ eerd werden zaakt geworden was door de ondeugende gewoonte der wraake kooplieden, om op 't laaste de slegste doeken aante brengen, in hoope, dat men dan om de kortheid des tijds wat door de vingeren zou zien, wel verstaan, de opperhoofden dierwegens onschuldig te houden; dog teffens bij den afgaanden dog onderwelke aanhaa„ brief aan te haalen, dat men ten deezen opzigten vertrouwt, dat door hun steets in gedagten zal worden gehouden, de door haar bevoorens geciteerde aanmerking, dat het naamelijk beeter is, de Eisschen onvoldaan te laaten dan de Compagnie met slegte voeden op te scheepen, mits zij egter in zoodanig een onverhoopt geval de uiterste zorge draagen voor het inkomen der te veel op leverancie verstrekte penningen niet te kenne geving verder aan dezelven, dat hoe onschuldig zij ook in het voorsz. geval zijn, men; 60 L Den 27 November 1778 aanstelling van een Coop„ man geen ander meer voortedragen gen en waaroen men egter zonder krenking van de daartegen militeerende ontre niet resilieeren kan van de hun opgelegele vergeeding, te meer daar zij opper„ hoofden haar garant dubbeld vinden kunnen uit het provenue der verkogte uitschotten. In plaatze van den overledenen Coopman Bangier Narsaija, is op der bediendens favora„ bel voordragt wel verstaan, tot Coopman in den handel aldaar aan te stellen zijnen zoon Nara Twelve, dog teffens gearresteerd, het getal der Palicolsche Cooplieden tot op 6. –. stux te laaten uitsterven, alsoo men vertrouwt dat mett dit geving getal den inzaam aldaar met meerder ijver en Succes zal worden verrigt, dan door de 1. 5. Stux, die thans deel in den inzaam hebben en zulx uit hoofden van het meerder belang, het geen men met reeden verondersteld, dat zij uit Consideratie van de grootere winsten in

NL-HaNA_1.04.02_3514_1119 view scan ↗

English

To give notice of the determined limit on the number of merchants. Hope that no lack of cash will have obstructed the collection and why. will place in the Company's collection. And consequently, notice of this determination shall also be given to the Chiefs, with the recommendation to propose no more new merchants to this Council as long as the old ones have not been reduced to the determined number. Since in the last six months of the recently expired trading year 20000 three-figure pagodas were sent to Iaggerneukpoeram for the benefit of the collection at Palicol; so, in view of the servants' emphatic complaints regarding a lack of that coin species appearing in the letter of 31 March, it is resolved to remark that their so-called embarrassment for money certainly did not last long and thus would have caused little harm to the collection. The 27 November 1778 The 27 November 1778 Satisfaction with the good harvest up to 131 candyls. Item regarding the purchase name keeping of the quantity. On the communication from the servants that the collection of grains this year in the districts of Palicol and Contera has succeeded as well and even somewhat better than in the previous year, so that the Company's revenue from the same amounted to over 131 candyls, it is not only resolved to express the Government's particular satisfaction over this favorable harvest, but also completely to approve the sale of the aforesaid grains at market price, with the exception of 30 candyls retained by the chiefs according to custom for the making of starch for the linens. Which trade papers received, which still expected. The trade papers of the first six months of the recently expired financial year having been well received here, it is resolved to give the servants the necessary notice of this receipt, with the further indication that those of the last six months are expected shortly. The 27 November 1778 The excess spent on the inauguration to be paid absolutely. Although the Chiefs, in their letter of 27 May, very emphatically requested restitution of the reimbursement imposed upon them for the excess expenditure incurred during the inauguration of His Highness van Riemsdijk compared to what was spent during that of His High Nobility van der Parra, it was nevertheless found good and resolved, in consideration that they ought to have regulated themselves accordingly, to persist with the ordered reimbursement; with a notification in writing to the servants that the excess spent during the latest inauguration, with some unnecessary quarters, amounts to precisely 20: 16. —. pagodas, not yet counting the spices, as they were notified by letter of 19 March, and that The 27 November 1778 Item the expenses fallen in the case of Naraina and why. that consequently they cannot be permitted to withdraw again from the treasury the 11. 6 5/8 pagodas counted too much into it according to their calculation. The Chiefs having requested by letter of 22 June, returning the memorandum sent about it, to be exempted from the ordered payment of the legal expenses fallen in the case of the native Naraina, amounting in total to 128. 13. 20 pagodas, on the grounds that they saw no opportunity to recover their indemnity from those who had refused to swear to their given attestations, since these were destitute people, so, this having been deliberated upon, it was noted that the payment of the legal expenses fallen in the mentioned case, ordered by letter of this Government of 11 April to the chiefs, leaving them only to recover their indemnity from those who had refused to swear to the attestations given by them, as actually being condemned to that payment by sentence of the Council of Justice, The 27 November 1778 continuation had occurred out of the consideration that the chiefs ought first to have had the attestations collected against Naraina sworn to before sending them hither, since this would have saved considerable expense or at least the entire Jaggernaikpoeram Commission; and that consequently, since this had been neglected by them, they should also be held responsible for the payment of the aforesaid amount, especially since they could not produce the slightest excuse for this neglect, because the swearing of declarations at Palicol was no unusual matter, as had occurred in the case of Corporal Carel Lodewijk Neijdhart; and it is consequently also found good and resolved to persist as yet with the ordered payment of the aforesaid 128: 13: 20 pagodas, leaving only to the chiefs to recover their indemnity from those who subsequently refused to take the oath. The 27 November 1778 Satisfaction with the explanation regarding an error about a piece of linen. Recommendation for attentiveness in packing. Upon the assurance of the servants that the rejected piece of Guineas, sent thither along with the letter of the Government of 9 May, had never been accepted by them as old but rather as 3rd sort, and that this consequently had been an error of the packers, it is resolved to take satisfaction with the aforesaid justification, but nevertheless to recommend to the chiefs to take care in the future through more accurate attentiveness that such

Dutch transcription

957 te doene kennisse geeving van de gemaakte bephaaling van getal der Coopl: hoope dat geen gebrek van Contanten den Jnsaam salge„ stremd hebben en waarom. in Compagnies inzaam Stellen zullen. En zal dienvolgende van deeze bepaaling ook kennis gegeven worden aan de Opperhoofder„ met recommandatie om aan deezen Raade geen nieuwe Cooplieden meer voor te draagen, zoo lang de oude niet op 't bepaald getal verminderd zijn. Nacien men in de laaste zes maanden van het jongst g'expireerde handeljaar 20000. stux driebeeldige pagoden na Iaggerneuk poeram gezonden heeft ten diensten van den inzaam op Palicol; zoo is ten aanzien van der bedien„ den nadrukkelijk klagten wegens gebrek aan die muntspecie bij brieve van den 31: Maart voorkomende, verstaan te remarqueeren, dat derzelver zoo genaamde verlegendheid om geld zeker niet lang geduurd en dus weinig schaade Den 27 November 1778 aan Den 27 November 1778 genoegen over den goeders agt„ tot wel 131: kapdeijlen Jtem over de Jnkoops naam houw van de quantiteijd gen zijn. aan den inzaam zou toegebragt hebben. Op de Communicatie der bediendens, dat den inzaam van Graanen in dit jaar in de districten van Palicol en Contera zoo wel en zelvs nog eenigzins beter als in anno p„l geslaag was, zoo dat Comp:s Geregtigheid van dezelve bedraa„ gen hadt ruim 131. –. Candijls, is niet alleen ver„ staan, over deeze favorable recolte het bijzon„ der genoegen der Regeering te betuigen, maar ook den verkoop van de voorsz. graanen tegens marks prijs, /: behalven 30: kandijls, die door de opperhoofden volgens usantie aangehouden zijn tot het maaken van Cansje voor de lijwaaten:/ volkomen te approbeeren. wat reg: papieren ontvan„ De Negotie-papieren van de eerste zes maanden des jongst g'exepireerde boekjaar alhier wel ont„ vangen zijnde, zoo is verstaan van dies ontvangst welke nog verwagt wenende bedienden het noodige narigt te geven, onder verder 959 Den 27 November 1778 de voorstelling absolut te vol„ doen. verdere te kennen geving, dat men die van de laaste zes maanden eerstdaagste gemoet ziet. Offschoon door de Opperhoofden bij haren Het meer vergastereerde op brief van den 27:' Maij zeer nadrukkelijk verzogt worden is, om restitutie van de hun opgelegde vergoeding van het meerder vergaste„ reerde bij de voorstelling van zijn Hoogheid van Riensdijk, als 'er bij die van zijn Hoog Edelheid van der Parra geguastereerd was, is egter uit aanmerking zij zig daarna hadden dienen te reguleeren, goedgevonden en bij de geordonneerde vergoeding te verstaan persisteeren; onder aanschrijving aan de be„ diendens, dat het meerder uitgegevene bij de jongste voorstelling met eenige onnoodige guartos juist P:ar/o 20: 16. —. bedragd, zonder nog de specerijen, te reekenen, zoo als men haar bij brieve van den 19. ' Maart heeft aangeschreeven, en dat Den 27 November 1778 Jtem de ongelden inde saak van Navaijra gevallen en waarom. dat men gevolgelijk aan haar niet permitteeren kan, om de volgens hunne reekening te veel in Casse getelde Pr/o 11. 6 5/8. daar weder uit te ligten. Door de Opperhoofden bij brieve van den 22. Iunij onder terugzending van de daar van overgezonden Memorie verzogt geworden zijnde om ontheft te mogen worden van de hun geor¬ donneerde voldoening der Iustitieele ongelden in de zaak van den inlander Naraina ge„ vallen, te zamen bedragende Pp: 128. 13. 20. uit hoofde zij geen kans zagen, om hun garant ovit te kunnen verhaalen op de geene, die ge„ geene, weigerd hadden, hunne gegeven attestatien te beedigen, nadien dit dood arme menschen waren, zoo is, hier over gedelibereerd zijnde aangemerkt dat de bij brieve deezer Regeering van den 11 April geordonneerde voldoening aan de opperhoofden van 964 Den 27 November 1778 vervolg van de Iustitieele ongelden in de gementioneerde zaak gevallen, met overlaating van haar gavant weder te mogen verhaalen op die geene, die geweigerd hadden de door hun gegeven attestatien te beeedi„ gen /: als eigentlijk tot dier voldoening bij sententie van den Raad van Justitie gecondemneerd zijnde :/ geschied was, uit overweeging dat de opperhoofden de tegens Naraina ingewoonen attestatien eerst hadden moeten doen beeedigen, eer zij dezel„ ve herwaarts gezonden hadden, nadien dit vrij wat onkosten off ten minsten de gansche Taggernaikpoeramsche Commissie zou hebben uitgewonnen; en dat gevolgelijk, wijl dit door hun verzuimd geworden was, zij ook voor de voldoening van het voorsz. bedragen responsabel dienden gelaaten te worden, vooral daar zij voor dit verzuim geen de minste reeden van ver¬ schooning konden bijbrengen, dewijl hit beeedi„ gen, Den 27 November 1778 genoegen inde verantwoording nopn: een abuijs omtrend een stuk lijwaat heid bij 't afpakken : digen van verklaringen op Palicol geen onge„ woone zaak was als in 't geval van den Corporaal Carel Lodewijk Neijdhart geschied weezende; en is dien volgende ook goedgevonden en verstaan de geordonneerde voldoening van de voorsz pag 128: 13: 20: als nog te persisteeren met over„ laating eenelijk aan de opperhoofden van der„ zelver garant te mogen verhaalen op de geene, die nader hand geweigerd hebben het jurament te doen. Op de verzekering der bediendens dat het uitgeschoten stuk Guinees, nevens de briev der Regeering van den 9' Mai derwaarts gezonden door hun nooit voor oude maar wel voor 3„de zoort was geaccepteerd geworden, en dat dit dienvol„ gende een abuis van de afpakkers geweest was, is wel verstaan met de voorsz verantwoording recommandatie tot opletten, genoegen te neemen, dog de opperhoofden egter te recommandeeren, om voortaan door een naauw„ keuriger oplettendheid zorg te dragen, dat zalke

NL-HaNA_1.04.02_3514_1125 view scan ↗

English

963 The 27th of November 1778 arrears of the insolvent merchants. It is stated that such negligences shall occur no more, as they in the first place must guarantee and take care of this. Regarding the procurement, it having been remarked by the chiefs that this would succeed considerably better if they were not saddled with so many insolvent merchants, it was resolved, for the furtherance of the textile procurement, earnestly to recommend the servants especially to take care that the arrears of the insolvent merchants be collected and recovered as quickly as is in any way possible; with the further instruction that the contract with them will then be terminated, and by contrast only the affluent traders will be retained, in order thereby not only to procure a better collection, but also to remove the continuous complaints of the chiefs. Meanwhile it was resolved to note in the outgoing letter that the letter sent hither for the Court of Justice was delivered to that body, and also that on occasion the servants' provisional requisition of necessities for the year 1779 will be fulfilled from here. Furthermore, the servants having made known their favorable expectation of the procurement, which seems largely founded on the war recently broken out between the English and French, on the grounds that since then no procurement has been made in those parts by either of those nations, it was resolved to mention in the outgoing letter in this regard that it is hoped their aforementioned expectation will be answered by a blessed outcome, and that therefore a profitable report thereof will be expected within a few days; with the further instruction to the Chiefs that meanwhile, for the continuation of the new procurement, the requested 30000 pieces of three-image pagodas will be sent thither for the service of their office with the first sloops that will depart for Jaggernaikpoeram. 965 The 27th of November 1778 The servants having furthermore, according to annual custom and upon receipt of the usual dastaks and parwanas, delivered to the Mazulipatnam Government the annual present on account of the Nawabship of Elloer and Ragemahindrawarom, it was resolved not only fully to approve this, but also to authorize the servants to write off the expense accounts of the months of March, April, May, June, and July last, as upon examination nothing was found to be remarked thereon. Lastly, having entered into deliberation on the principal contents of the Bimilipatnam letters of the 30th of April, 31st of May, 25th of June, 8th of July, and 11th of August last, and their enclosures, it was initially, regarding the request of the Secunde Dormieux to be released from all accountability for the armory in the future because he had handed over that administration to the Commanding Sergeant Hermanus van Ligtenberg, approved and resolved to remark that, although according to the custom on this Coast by order of the Government the administration of the armory was assigned to the Commanding Sergeant van Ligtenberg in order to derive a small livelihood from the meager benefits of this service, one nevertheless cannot release the Secunde Dormieux from all accountability in this regard; as according to the law in practice on this Coast the accountability of the armory runs in the first place for the account of the overseer, but in the second place also for the account of the Chief and the Secunde, since everything concerning the chief directorship is commended to their care and supervision, and that on these grounds no further requests will be expected in this matter. Although this Council cannot as yet express itself positively on the sales and procurement at Bimilipatnam in the recently expired book year, since the papers of August have not yet been dealt with, it was nevertheless provisionally resolved not only to express to the Chiefs the Government's satisfaction with the favorable turn that the sales and procurement have taken at the aforementioned office since the month of May, especially since this was greatly promoted by their vigilance, but also on that account fully to approve the further advance to the merchants made by the chiefs on the 13th of July last, of 8000 N: N: Pagodas at 4 percent. Furthermore, it was resolved not only to reject the request submitted by the Chiefs on behalf of the reader Jan Sagtleeven to be increased in wages upon the expiration of his term, because he already earns the highest wage that he may earn according to the Regulation on the promotion of the Servants, but also the improper request of the Sergeant

Dutch transcription

963 Den 27 November 1778 „agterstallen der onvermogende stelt zulke onagtzaamheeden niet meer geschieden alzoo zij daarvoor in de eerste plaats Caveeren en zorg moeten dragen. Ten aanzien van den inzaam door de opper recommandatie nop:s de hoofden geremarqueerd weezende, dat die vrij Coopl beeter slagen zou, zoo zij niet met zoo veel onver„ mogende kooplieden opgescheept waren: zoo is tot bevordering van de lijwaat procuure verstaan, de bediendens met ernste te recommandeeren om vooral zorg te dragen, dat de agterstallen van de onvermogende. kooplieden zoo haast als het maar eenigzins mogelijk zij ingepalmd en verer ind ij worde; onder aanschrijving verder dat men en onderwat aansz: hun dan de huur opzeggen, en daar en tegen maar gge alleen de gegoede handelaaren aanhouden zal, om daardoor niet alleen een beteren inzaam te procuree„ ren, maar ook de Continueele klagten van de opperhoofden weg te neemen. Ondertusschen is verstaan bij den afgaanden Een Justitiele brief bes„ brief te noteeren, dat den herwaarts gezonden brief voor Den 27' November 1778 benoodigdheeden voor 1779. te voldoen wensch, tot een goed uijtkost der opperh: verwagting om„ trend den Jnsaam. den. voor den Raad van Justitie aan dat Collegie is af„ gegeven, mitsg:s dat bij gelegenheid van hier zal wor„ den voldaan der bedienden provisioneelen Eisch van benodigdheeden voor den jaar 1779. Vervolgens door de bediendens nog te kennen gegeven zijnde derzelver favorabel verwagting van den inzaam, die grootelijx gefonderd schijnt op den jongst ontstooken oorlog tusschen de Engelschen en Franschen uit hoofde 'er secert door die beide Natien geen inzaam daar omstreeks geschieden: zoo is verstaan, daaromtrent bij den afgaanden brieff aan te haalen, dat men hoopt dat hunne voorsz. verwagting door eene gezegende uitkomst zal beantwoord worden; en dat men mits dien binnen korten dagen een voordeelig berigt daar„ Continten over Jag: tesen, van zal te gemoed zien, onder aanschrijving ver„ der aan de Opperhoofden dat men inmiddens tot van den nieuwen inzaam met de eerste voortzetting Chialoupen die na Iaggernaikpoeram zullen vertrekken ten diensten van hun Comptoir derwaarts zenden zal de 965 van de gewonne schenkagie remarquesnap„s het ver„ soek der Bimilita=m secunde omtrend de wapen Den 27 November 1778 de geeisschte 30000. –. stux: dribeeldige pagoorten. Door de Bediendens wijders na jaarlijkse gewoonte approbatie der afgave„ en onder ontvangst der gewoone dastekken en Surwaren waarom. nas aan de Mazulipatnamsche Regeering afgegeven zijnde, het jaarelijkse geschenk wegens het Nababschap van Elloer en Ragemahindrawarom; zoo is verstaan zulx niet alleen volkomen te approbeeren, maar teffens de bediendens te qualificeeren tot het afschrijven der onkostrekeningen van de maanden Maart, April, Maij Iunij en Iulij laastleeden, alzoo daarop bij Examinatie niets is te remarqueeren gevallen. getreeden zijnde Laastelijk ter deliberatie over den voornaamsten inhoud der Bimilipatnam kaner sche brieven van den 30. ' April, 31:' Maij, 25. ' Junij 8: Julij, en 11 Augustus, jongstleeden en derzelver bylaagen: zoo is aanwangkelijk op het verzoek van den Secunde Dormieux, om van alle ver¬ antwoording van de wapenkamer voor 't vervolg bevrijd te mogen weezen uit hoofde hij die admi„ nistratie aan den Commandeerende Sergeant Herma„ nus Den 27 November 1778 proffisioneele genoegging over de goede Keur der selve nus van Ligtenberg hadt overgegeven, goedgevonden en verstaan te remarqueeren, dat schoon volgens utantie ter deezer Custe op ordre der Regeering aan den Commandeerende Sergeant van Ligtenberg was opgedragen de administratie van de wapen kamer om uit de geringe voordeelen van deezen dienst een kleen middeltje van bestaan te trekken, men egter den Secunde Dormieux van alle verant woording dienaangaande niet bevrijden kan, alzoo volgens de ter deezer Custe in practijk zijnde wet de verantwoording van de wapenkamer in de eerste plaats loopt voor reekening van den opziener, maar in de tweede ook voor reekening van het Opperhoofd en den Secunde, nadien aan hunne zorg en toezigt alles aanbevolen is, wat de opperhoofdij betreft, en dat men uit dien hoof„ den dierwegens geen nadere verzoeken meer zal verwagten. Schoon deezer Raade sij tot nog toe niet positive kan uitlaaten over den vertier en inzaam op Bimili patnam in 't jongt gexpireerde boekjar, alzoo men ƒ 967 November 1778 Den 27 geen meer gagie: kreij„ gen kan nog niet over de papieren van Augustus heeft gebesoigneerd, is egter bij provisie verstaan, niet alleen aan de Opperhoofden te betuigen het genoegen der Regeering over den favorabelen keer die den verthier en inzaam sedert de maand Maij ten voorsz. Comptoire genomen heeft vooral daar zulx door hunne vigilantie groote lyks is bevordert geworden, maar uit dien hoofde ook volkomen te approbeeren de door de opperhoofden op den 13. ' Iulij jongstleeden nader gedaane vooruit verstrekking aan de Cooplieden Cto van 8000. –. N: N: Pag: met 4. –: p„r C„to Voorts is verstaan niet alleen van de hand waarom den voorleesen te wijzen het door de Opperhoofden voorge„ dragen verzoek van den voorleezer Jan Sagtleeven, om mitt tijds expiratie in gagie verhoogd te mogen worden, uit hoofde hij bereeds de hoogste gagie wint, die hij volgens het Regle„ gagt ment op de bevordering der Dienaaren winnen mag, maar ook het oneigen verzoek van den Sergeant

NL-HaNA_1.04.02_3514_1130 view scan ↗

English

November 1778 The 27th The requirements for 1779 to be fulfilled. Sergeant Nicolaas Sandel, requesting to be transferred hither due to the expiration of his term of service, and this in consideration that if this and similar requests were granted, this garrison would soon become overcrowded with non-commissioned officers, yet nonetheless notifying the servants that the latter, if he is absolutely determined to come over, is left the liberty to request his discharge to Europe or Batavia, as this Council does not wish to keep anyone against his will beyond his bonded time. Subsequently, after reassessment of the Bimlipatnam provisional requisition of merchandise and necessities for the coming year, it was approved and resolved to have these fulfilled as closely as possible as opportunities arise, both from here and from Iaggernaikpoeram. While, finally, to conclude this business, it was also agreed to inform the servants of the delivery to the local orphan chamber of the letter sent by them for that board. Thus done and resolved in the Castle at Nagapatnam on the date aforesaid. Signed by all, with the exception of Mr. Koning and J:n Oppengh. Agreed, J. A. Browvoetd. delivered. Eysbech

Dutch transcription

November 1778 Den 27 De benoodight voor 1779. te voldoen. Sergeant Nicolaas Sandel om mits tijds expiratie naar herwaarts verlost te mogen worden, en zulx uit aanmerking, dat zoo en diergelijke verzoeken wierdt gecomelescendeerd, dit garnisoen haast van onderofficieren over kropt zal raaken, dog egter onder aanschrij„ ving aan de Bediendens, dat men aan den laasten, zoo hij absolut beveerd over te komen, de vrijheid laat om zijne verlossing na Europa off Batavia te verzoeken; alzoo deezen Raa„ de, niemand tegen zijn sin, boven zijnen verbonden tijd wil aanhouden. Vervolgens is, na resumptie van den Bimi¬ lipatnamsche provisioneele Eisch van Coopman„ schappen en benoodigdheden voor het aanstaan„ de jaar, goedgevonden en verstaan, die bij gelegenheid zoo van hier als Iaggernaikpoeram zoo na mogelijk te laaten voldoen: Terwijl 69 November 1778. Den 27 Terwijl eindelijk tot slot deezer be„ brief aande weeskamer soigne nog verstaan is, de bediendens kennisse te geven van de affgave aan de weeskamer al¬ hier van den door haar overgezonden brief voor dat Collegie. Aldus Gedaan en Gearres„ teerd in't Casteel tot Nagapatnam dato voorsz. /:geteekend:/ door alle exceptis M:r Koning en J:n Oppengh. Accordeerd J„ A„ Browvoetd. besteld —. r Eysbech

← previous