VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3569

Coromandel · 670 pages · 128 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3569_0107 view scan ↗

English

222 also at our meeting of the 24th of April, subject to the favorable approval of Your Right Noblenesses, decided to qualify the Palleacatta employees to write off to profit and loss not only the aforementioned 1857¾ lb of mite-eaten nutmegs and the 134½ lb of dust and debris of cloves, but also the shortfall of 318 lb of nutmegs and 12¼ lb of cloves; and this because we are of the opinion that these shortfalls will certainly have been caused by the blowing away of the dust during the processing of the aforementioned chests. Since we subsequently saw from a submitted report at our session of the 31st of May that the rats in the provisions warehouse here had caused very much damage, both by burrowing through the ground and by eating up and carrying away the paddy, we decided, for the accommodation of the storekeeper, through whose doing the aforementioned damage was by no means caused, to write off 100 parras of paddy to profit and loss, which we also hope will be approved by Your Noblenesses, as that damage had been estimated at well over eleven hundred parras. On the memoranda of short weights and the expense accounts received from our respective factories after the departure of our respectful letter of the 22nd of January of this year, we have taken such decisions as are described in detail in our resolutions of the 6th of January, 24th of April, and 22nd of July last. We have likewise, on the 11th of August last, disposed of the draft of the surplus and deficient merchandise; item on the list of unsuitable goods discovered in the last 6 months of the previous book year 1778/9 at the respective administrations of this principal station and occurring upon the confrontation of the remainders against the balance of the Nagapatnam trade books of the year 1778/9. However, since the write-offs granted therein are ordinary, and nothing extraordinary, at least nothing of any significance, has been granted, we very humbly request permission, in order to avoid unnecessary prolixity, to be allowed to refer to our aforementioned resolutions, as we hereby have the honor to do. That the profits and revenues of this government in 1777/8 appeared not displeasing to Your Right Noblenesses has greatly delighted us, although Your Noblenesses remarked therein that the charges still ran somewhat high. And although on the one hand we must confess this to our regret, we nevertheless dare to assure Your Right Noblenesses on the other hand 223 that we are employing all possible means to reduce the charges, both here and elsewhere, as much as possible for us. Of which we hope that not unpleasant evidence will have already appeared to Your Right Noblenesses, since between the book year 1774/5 and 1777/8 we have found the means to diminish the general charges of this government by a considerable sum of f 66322. 18. —, notwithstanding the fact that during that intervening time we were obliged to have several major repairs carried out, both here and elsewhere. Since we are continually working here and applying all possible diligence to square that single year by which our trade books are still in arrears, we hope to succeed therein before long, in order also in this matter to provide Your Noblenesses with the required satisfaction. Meanwhile, we thank Your Right Noblenesses very reverently for placing on the roll of authorizations the request presented by us from the Nagapatnam church council to be allowed to receive from the Company's treasury, under caution of restitution, the arrears of salary of the deceased minister Gebhart, in reduction of his debt to the diaconate; on which we shall continue to look forward to a favorable disposition from the Lords Masters. While we meanwhile have the honor to report that on the 26th of August last we took the necessary decisions on the invoice of account received from Batavia, dated the 28th of April 1780. We had hoped to offer to Your Right Noblenesses on this occasion the findings of errors in the trade books of this government for the year 1774/5, answered by us in the margin, but since they have not yet been entirely made ready for that, we request permission to be allowed to present them to Your Noblenesses on a later occasion. Since it has appeared to us from the comparison of the charges and expenses, as well as the profits and revenues of this principal station of Nagapatnam from the year 1777/8 against the year 1778/9, that the charges of the last-mentioned book year, in comparison with the previous one, have diminished by a capital sum of f 31612. 10. —, as can be seen in further detail in our resolution of the 15th of September, we trust that this presentation will provisionally appear not displeasing to Your Right Noblenesses. The

Dutch transcription

222 ook ter onser bij eenkomste van den 24. April; op guns„ tige approbatie van uwe Hoog Edelheedens besloten, de Palleacattasche Bediendens te qualificeeren, tot het afschrijven op winst en verlies niet alleen van de voorschreve 1857¾. lb: vermijterde nooten, en de 134½. lb: stoff en gruijs van nagulen, maar ook van de te kort gekoome 318. lb: nooten en 12¼. lb: nagelen, en dit om reede, wij van gevoelen zijn, dat deeze te kort komingen zeekerlijk zullen veroor„ zaakt weezen, door het vervlegen van het stoff bij het verwerken der voorschreeve kisten.— Dewijl wij vervolgens uijt een ingediend Rapport ter onser sessie van den 31. Maij gesien hebben, dat de rotten in het Provisie magazijn alhier, zeer veel schade veroorsaakt hadden, zo door het doorgraven van den grond, als door het op„ vreeten en wogdraagen van de Nelij, besloten wij, tot ge„ moetkoming van den Dispencier, door wiens toedoen de voorsz: schade geenzins veroorsaakt is, 100. parvas nelij op winst en verlies af te schrijven, het geen wij ook hoopen dat door Hoog dezelven zal worden goedgekeurd; wijl die schade op ruijm elf honderd Parras was begroot geworden. —. op de Memorien van onderwigten, en de onkost Reeke¬ ningen, van onse Respective factorijen ontvangen, na het afgaan Eerste Assignatie No. 10. heg: boek houder afgaan van onsen Eerbiedigen van den 22 Ianuarij deezes Iaars, hebben wij zodanige besluijten genomen als bij onse Resolutie van den 6 Jan: 24. April en 22 Julij I=L, in het breede beschreven. zijn. —. Wij hebben desgelijks op den 11. Aug„s IL: gedisponeerd op het opstel van de over en te kort bevonde koopmanschappen; item op de Notitie van de onbequaame goederen, in de laaste 6. maanden van het vorige Boek jar 179 bij de respective Administratien ter deser hoofdplaatse ontdekt en gevallen bij Confrontatie van de Restanten tegen de Balance der Nagapatnamse Negotie Boeken van A„o 17/9. — Dan wijl de daar bij geaccordeerde afschrijvingen ordinair zijn, en niets Extra ordinair, ten minsten niets dat eenigen naam mag hebben ingewilligt is, verzoeken wij zeer nedrig om verlof, om ons, ter vermijding van on„ „noodige lang wijligheeden aan onse voorschreeve Resolutien te moogen refereeren; zo als wij bij desen de eere hebben te doen. —. Dat de winsten en inkomsten deezes gouvernements in 17/¼. ur hoog Edelheedens niet onaangenaam waren voorgekoomen heeft ons zeer verblijd, hoewel Hoog deselven daar bij geremarqueerd hebben dat de lasten nog wat hoog liepen. En schoon wij dit aan de Eene zijde tot ons leet„ „weesen avoueeren moeten, durven wij eg¬ „ter aan den anderen kant uw Hoog Edelheedens verze„ keren . 223 „keren, dat wij alle mogelijke middelen aanwenden, om de lasten zoo hier als elders, zoo veel ons mogelijk is, te ver„ minderen. — Waar van wij hoopen dat bereeds geen onaangename „blijken aan uwe Hoog Edelheedens, zullen wesen voorge„ „koomen; wijl wij sedert het Boekjaar 171/5. tot 177 7/8. het middel hebben weeten te vinden, om de Generale lasten deezes gouvernements met een aanzienlijke som van ƒ66322. 18. — te dimunueeren; niet tegenstaande wij in dien tusschen tijd verpligt geweest zijn verschijde Capitaale reparatien te laten doen zoo hier als elders. Dewijl wij hier steeds werkzaam zijn en alle moge¬ „lijke vlijd aanwoenden, om dat eene Iaar dat onse Nego„ tie Boeken als nog ten agteren staan te verevenen; hoo¬ pen wij daarin eerlang te reuisseeren, ten eijnde ook in deesen, aan Hoog dezelven het vereijscht genoegen toetebren„ „gen. Inmiddens bedanken wij uwe Hoog Edelheedens zeer reverentelijk voor het doen stellen op de Rolle van aucto risatie, van het Door ons voorgedraagen verzoek van den Nagapatnamschen kerkenraad, om uijt Compagnies cassa, onder cautie de restituendo te moogen ontvangen de te vooren staande soldijen van den overleedenen Predi¬ kant Gebhart, in mindering van zijn debet aan de diaconij Eerste Assignatie No. 10. boek houder El9: diaconij; waar op wij eene gunstige, dispositie van de Heeren Majores zullen blijven te gemoed zien.— Terwijl wij inmiddens de eere hebben te berigten, dat wij op den 26. augustus I de nodige besluijten genomen hebben op het van Batavia ontfange fac„ tuur van aanrekening gedateerd den 28. April 1780. Wij hadden gehoopt uwe Hoog Edelheedens bij deese gelegendhijd aan te bieden, de door ons in mar„ „gine Beantwoorde Bevinding van erreuren in de Negotie Boeken deeses gouvernements de A„o 17/5, dog wijl ze daartoe nog niet ten eenemaal in gereed„ „hijd gebragt zijn versoeken wij verlof om die bij een nadere gelegendhijd Hoog dezelven te moogen aanbieden. — Dewijl aan ons uijt het vergelijke der lasten en ongelden, mitsgaders der winsten en inkom„ „sten deezer hoofdplaatse Nagapatnam van anno 1777/0. tegens anno 177 83/9. gebleeken is, dat de lasten van het laast gemelde Boekjaar, bij vergelijking tegen het vorige verminderd zijn een Capitale som„ „me van ƒ31612. 10. –, zo als nader bij onse Re„ „solutie van aen 15. zeptember te zien is; vertrouwen wij dat dit vertoog uwer hoog Edelheedens bij provisie niet onaangenaam zal te vooren koomen. — Den

NL-HaNA_1.04.02_3569_0111 view scan ↗

English

The trade bookkeeper Hercules Mossel, whom we authorized on the aforementioned 15 September to close the trade books of 1772/3, subsequently showed us by report how, during the comparison of 1778/9, he had noticed that several goods had been sold, melted down, and sent to Batavia, the costs of which had not been charged or written off. And since this must cause the remaining balances to rise considerably in price, we saw fit to authorize him to write off the entries submitted by him to such accounts as proposed by him. And as we hope that Your Right Noblenesses will be pleased to be satisfied therewith. We have the honor to present to Your Right Noblenesses herewith a chest containing the Coromandel pay books of the year 1778/9. While under the main heading of the Demand and Remaining Balances we also take the liberty to thank Your Right Noblenesses for the 15 sailors sent to us, out of the 25 hands requested from here. According to our resolution of 25 May, we have requisitioned from Bengal for the service of the equipage and the artillery: 100 rolls of sailcloth, 400 lb sail yarn, and 1000 lb saltpeter. Which we hope, in view of its necessity, will be approved by Your Right Noblenesses. In consideration of the revered recommendation given by Your Right Noblenesses to the administrators of the Provisions Storehouse, we had expected that the arrack brought this year with the ships Triton and Hoorn would have been sent over in better casks; however, upon the discharge of the cargoes, especially that of the last-mentioned ship, it has again become apparent here that the arrack was sent to us in that same bad type of leagers as in the past; which we must not fail to communicate once more to Your Right Noblenesses. Meanwhile, according to Your Right Noblenesses' orders, we shall soon send for the 385 1/4 lb of sheet lead from Paleacatte, or the largest part thereof, which have remained there as a balance since the year 1769, so that they may be used here in the service of the Company. Meanwhile we take the liberty to present to Your Right Noblenesses among the enclosures of this letter our provisional demand of merchandise for the year 1781, for whose complete fulfillment we humbly request. We have considerably reduced the quantities of the merchandise requested therein, in comparison with previous years; but as this has been done in view of the slight prospect we have for a favorable sale in the coming year, we hope that these our arrangements will be placed in the category of prudence, to which loyalty and honor have obligated us; for we judge that it would by no means agree with the interest of the Company nor our duty if we, in a time as dangerous as that which we are currently experiencing, were to make a substantial demand for precious merchandise. Having now arrived at the item of domestic affairs, there appears before us in the first place the legitimate displeasure again taken by Your Right Noblenesses concerning the addressing of criminal proceedings to the Council of Justice of the Castle of Batavia. As soon as we had the honor to receive Your Right Noblenesses' most respected letter of 15 May 1778, we did not fail for a moment to set forth earnestly to the secretary of the Court of Justice here the displeasure taken by Your Right Noblenesses over his improper conduct in addressing concluded criminal proceedings to the Council of Justice of the Castle of Batavia, and thus we also firmly trusted that he would have been careful not to commit such errors again. Yet since we have, on the contrary, had to experience again that this same improper conduct has also taken place in the transmission of the concluded criminal proceeding against the boatswain of the ship De Pallas, we have again seriously reprimanded the aforementioned secretary of justice thereon through the mouth of the undersigned governor, and recommended that he henceforth conduct himself promptly in this matter according to Your Right Noblenesses' orders, or that we shall otherwise impose upon him for his inattention a fine of two months' salary for the benefit of the diaconate, which we hope will make him somewhat more attentive in the future. Since Your Right Noblenesses have been so favorably pleased to agree to the permission granted by us to the collective owners of the houses and premises situated in our outer town along the river to be allowed to project 40 feet forward with the facade of their houses, we must not fail to thank Your Right Noblenesses most respectfully for this, both on our own behalf and on that of the aforementioned owners, as we now have the honor to do hereby, under serious assurance that this concession cannot give the slightest cause for tumult among our residents, because the Malabars, Moors, Gentus, as well as Christians are privileged thereby on an equal footing. The 2000 kuils of arable land that belonged to the former Bimilipatnam renter Nagamalloe Peventaal have, in accordance with Your Right Noblenesses' expectation, been sold publicly by the Court of Justice. The old interpreter Chinaija Naijker recently submitted a request to us in a very humble manner.

Dutch transcription

224. Den Negotie boekhouder kracules Mossel, die wij op den voorschreeven 15. September gequalificeerd heb„ „ben tot het sluijten der Negotie boeken van 177 2/3, heeft aan ons vervolgens bij Berigt vertoond, hoe hij bij de confrontatie van 177 8/9 ontwaard had, dat er verschijde goederen verkogt, versmolten en na Batavia verzonden waren, welkers kostende niet aan„ gereekend of afgeschreeven was. — En dewijl dit de restanten zeer in prijs moest doen stijgen, hebben wij goedgevonden hem te qualificeeren, tot het afschrijven der door hem opgegeeve posten, op zodanige Reekeningen als door hem zijn voorgesteld. En nadien wij hoopen dat hoog dezelven daarmede„ genoegen zullen gelieven te nemen. —. Hebben wij de Eer uwe Hoog Edel heedens nevens dese aantebieden, een cassa met de Cormandelse soldij bocken van Anno 1778/9. —. Terwijl wij onder het hoofddeel van den Eijsch en Restanten, almede de vrijhijd neemen uwe HoogEdel„ „heedens te bedanken voor de ons toegesonde 15. Ma„ troosen, op de van hier verzogte 25. koppen. — Volgens ons besluijt van den 25. Maij, hebben wij ten dienste van de Equipagie, en de Arthillerij van Bengale G'eyscht 100 Eerste Assignatie No. 10. 201 100. rollen zeijldoek 400. lb: Zeijlgaaren en 1000. lb: salpeeter. - het geen wij hoopen dat uijt hoofde van dies benodigd„ „hijd door uwe Hoog Edelheedens zal worden goedge„ keurd. — Wij hadden uijt aanmerking van de gevenereerde recommandatie, door uwe Hoog Edelheedens aan de administrateurs van het Provisie Magazyn ge„ „geven, verwagt, dat de arrak die in dit Iaar met de Schepen Triton en Hoorn is aangebragt, en betere fusten zouw overgezonden geworden zijn; dan bij de úijtlevering der laadingen, principaal die van het laastgemelde schip, alhier wederom gebleeken is, dat de de arrak ons weder in die ijge slegte soort van leggers toegezonden is, als in E„ passato; het geen wij niet moogen nalaaten uwe Hoog Edelheedens andermaal te bedeelen. — Inmiddens zullen wij volgens Hoog dezelver or„ „dre, eerst daags van Palleacatta ontbieden de 385. ¼. lb platlood, of het grootste gedeelte van dien, die aldaar sedert den Iaare 1769. per restand gelegen hebben, om alhier in den dienst van de Compagnie gebruykt te kunnen worden. —. Ondertusschen 225. ondertusschen nemen wij de vrijhijd Hoog dezelven onder de bijlaagen deezes aan te bieden onsen Provi„ sionelen Eijsch van koopmanschappen voor den Jaare 1781. , om welkers Compleete voldoening wij nedrig ver„ zoeken. —. Wij hebben de quantiteijten van de daar bij gevraagd wordende koopmanschappen, bij vergelijking tegen voorige Iaaren al vrij wat verminderd; dog wijl dit geschied is uijt hoofde van de geringe apparentie die wij hebben, op een favorabel vertier in het aanstaande Iaar, hoopen wij dat dese onse schikkingen, zullen gesteld worden, onder de laden van voorzigtighijd, waar toe de trouw en eer ons verpligt heeft; want wij oordeelen dat het geensins met het belang van de Maatschappij nog onsen pligt zouw overeenko„ „men, dat wij in een tijd, zoo dangereus als wij tans beleven, een aanzienlijke Eijsch deeden, van pretieuse koopmanschappen. — Tans genaderd zijnde tot het articul der huijse„ „lijke bestellingen, komt ons in de eerste plaats voor„ het regtmaatig misnoegen door uwe Hoog Edelhee„ „dens weder opgevat over het addresseeren van Cri„ „minele Processen aan den Raad van Iustitie des Casteels Batavia— zoo Eerste Assignatie No. 10. 00 78 heq: boek houder zoo dra wij de eere hadden te ontvangen uwer Hoog Edelheedens zeer gerespecteerde missive van den 15. Mai 1778. , bleven wij geen ogenblik in gebra „ken, om den secretaris van het Collegie van Justitie alhier, met ernst voor te houden het misnoegen door uwe Hoog Edelheedens opgevat, over zijne verkeer„ „de behandeling in het aadresseere van gedetermi„ „neerde Crimineele Processen aan den Raad van Iustitie des Casteels Batavia, en dus vertrouwden wij ook vastelijk dat hij zig andermaal voor het begaan van diergelijke abuijsen zorgvuldig zoúw hebben gewagt Dog wijl wij in tegendeel wederom hebben moeten ondervinden, dat die eijge verkeerde behandeling ook heeft plaats gehad in het overzenden van het ge determineerd Crimineel Proces tegen den Bootsma van het Schip de Pallas, hebben wij den opgemelde secretaris van Iustitie, door monden van den ondergetekende gouverneur, daar over andermaal serieuslijk onderhouden; en gerecommandeerd om zig voortaan in deezen prompt te gedraagen, na Hoog dezelver ordres, of dat wij hemt anders voor zijne in attentie zullen opleggen een boete van twee maanden gage ten behoeve van de F Diaconij 226. Diaconij het geen wij hoopen dat hem voor het vervolg wat op lettender zal maaken.— Dewijl uwe Hoog Edelheedens zoo gunstig hebben gelieven toetestemmen, in de door ons verleende per„ missie, aan de Gesamentlijke eijgenaaren, van de „huijzen en erven staande in onse buijtenstad langs de rivier, om met de gevel van hunne huij„ „zen 40. voeten voor uijt te mogen springen, mogen wij niet lalaaten uwe Hoog Edelheedens, zoo uijt naam van ons als van de voorschreve eijgenaa¬ „ren, daar voor op het aller eerbiedigste te bedanken, zoo als wij tans de eere hebben bij desen te doen, onder serieuse verzekering, dat deese concessie geen de minste oorsaak van tumult onder onze ingeze„ „tenen geven kan, uijthoofde daar bij zoo welde Mallabaaren, Mooren, Tentiven als Christenen, op een gelijken voet bevooregt zijn. — De 2000. kuijlen zaaijlands den geweezen Bimilipatnams Pagter Nagamalloe Pe„ „ventaal toebehoord hebbende, zijn na de ver„ wagting van uwe hoog Edelheedens publicq verkogt geworden door het Collegie van Iustitie. Den ouden tolk Chinaija Naijker onlangs op een zeer demoedige wijse aan ons verzoek gedaan Eerste Assignatie No. 10. 20 ok houder

NL-HaNA_1.04.02_3569_0116 view scan ↗

English

having requested that the unhusked rice stored by him in the Company's warehouses might be returned to him, we decided on September 29, out of consideration that we ourselves might sometimes need this grain, to pay him for it at the market price, with which he is completely satisfied. Had he shown himself to be obstinate any longer, we would have had the aforementioned unhusked rice entered into the books according to order, without giving him anything for it. Yet, since he seems to repent of this, we hope that our aforementioned decision will be approved, all the more now that he has promised the undersigned Governor to cultivate his privileged lands again as usual. Upon the permission obtained for that purpose, for which we give thanks, we shall henceforth permit the import of Madeira wine again, provided that toll is paid for it instead of 1½ percent. We shall also soon order the former Deacon Cashier Wouter Pietersz, who returned here from Portonovo a few days ago, in accordance with the esteemed letter of Your Right Excellencies, to pay within one month the capital deficit in the Diaconate and leper funds, amounting together to 1095 New Nagapatnam Pagodas. Yet, if he fails to do so, we shall place him without any further delay into the hands of the Fiscal, in order to proceed against him according to law. Meanwhile, we thank Your Right Excellencies on behalf of the Church Council for the permission granted to provisionally transfer the modest capital of the lepers onto the Diaconate books. From which those destitute persons shall subsequently be supported until their fund is once again in a better condition. Their modest capital must, however, as was rightly noted by Your Right Excellencies, still be increased by 432 fanams in outstanding interest money from the late Reverend Gebhardt, which, we assure Your Right Excellencies, is included under the capital deficit caused by the former Diaconate Cashier Pietersz. With humble thanks for the permission granted to the soldier Fridel to remain at Bimilipatnam, we assure Your Right Excellencies that we shall always take care, especially in the present time, that we constantly have a good supply of grains on hand. The annual consumption of lamp oil here is ordinarily set at 3600 measures, and we also governed ourselves accordingly when, by resolution of October 5, 1779, we agreed with the widow Mrs. Appeng that, of the lamp oil which she, as heir of her husband, still owes the Company, she may deliver 2400 measures in kind to the new Dispenser, with 10 percent on top of that for spillage. Which we believe not to be too much, considering that the said Geeke, due to a shortage of martaban jars, was obliged to store the aforementioned oil in leagers. Which is otherwise not done by any Dispenser, for they receive no more oil monthly from their oil pressers than they need for distribution. Which could not take place in this case, as the said widow, according to the Company's order, was obliged to deliver all the oil that was in arrears from her husband's administration within a certain peremptory time, either in kind or in cash; and thus the said Geke could not well receive that oil otherwise than with 10 percent spillage, unless we had desired his loss in order to benefit the widow. From the passage concerning the non-correspondence of Your Right Excellencies with the Courts of Justice at the Outlying Stations, appearing in Your Right Excellencies' esteemed letter of June 6, we have had an extract delivered to the Court of Justice here, to serve for their guidance in the future. While we soon expect new deeds of surety from the Chief of Sadraspatnam, De Neijs, in place of those sent back, we have the honor to inform Your Right Excellencies that Merchant Blaauwkaamer as Chief of Jaggernaijkpoeram, as well as the Second of Sadraspatnam Simons and the Resident of Portonovo Topander, have properly provided surety for their duties to our satisfaction, as can be seen further in our resolution of April 7. This was likewise done by the Second of Jaggernaijkpoeram, De Ravallet, by pledging his salary for that purpose, as appears from the record in our resolution of July 22. Since the stipulated period of surety for the former Chief of Palleacatta, the Merchant Hendrik Ambrosius Johnson, has well expired, we decided, upon the request of his attorney here, the Junior Merchant and Invoice Keeper Bloeme, on May 31 last, to release to him from the Company's cash office all that is credited to Merchant Johnson in the Nagapatnam Trade Books on account of moneys owed to him. And on that day, we also took this decision regarding all the gratuity moneys of Merchant Baars, which he, over and above the amount of a double surety, as former

Dutch transcription

gedaan hebbende dat de van hem in Comp„s pak„ „huijzen op geslage nelij, weder aan hem mogt wor„ „den afgegeven, hebben wij uijt Consideratie, dat wij dit graan, zomtijds wel zelvs zouden kunnen nodig hebben, op den 29. September besloten hetzelve aan hem tegens mark prijs te betaalen; waar„ mede hij volkomen voldaan is. — staat hij zig langer halsterrig getoond, wij zouden de voorschreve nelij, na de ordre bij de Boeken hebben laaten inneemen, zonder aan hem daar„ voor iets aftegeven. —. Dog wijl hij daar van Schijnt berouws te hebben, hoopen wij dat ons voorschreeve besluijt zal wor„ „den goedgekeurd; te meer nu hij aan den onderge„ „tekende gouverneur belooft heeft, zijne prevelege lan„ „den weder na gewoonte te zullen Cultiveeren. —. Op de daartoe erlangde permissie, waar voor wij dank zeggen, zullen wij voortaan den invoer van Madera wijn weder permitteeren, mits daar voor in steede van 1½ pr C„o tol betaald wordt. —. Ook zullen wij den geweezen Diacon Cassier wouter Pietersz:, die voor eenige daagen van Portono„ „vo alhier te rug gekomen is, volgens het g'eerd aan„ „schrijvens van uwe Hoog Edelheedens eerstaags gelasten 227. gelasten, om het te kort gekome Capitaal op de Diaconij en leprozen kas, te zaamen bedraagende 1095: Nieuwe Nagapatnamse Pagooden binnen een maand tijds te voldoen. — Dog zoo hij daaraan manqueerd, zullen wij hem zonder eenige langer vertolf in handen van den fiscaal stellen, om tegen hem na regten te procedeeren. Intusschen bedanken wij uwe Hoog Edelheedens uijt naam van den kerkenraad voor de verleende per„ „missie om het gering Capitaal der leproozen, bij provisie, bij de diaconij boeken te mogen overne„ „men. Waaruijt die noodlijdende vervolgens zoo lang zullen onderhouden worden tot hunne kas, weder in een betere staat is —. Moetende egter, gelijk door uwe Hoog Edelheedens te regt is aangemerkt hun gering Capitaal nog vermeerderd worden met scho: 432. oningekome intrest penningen van den overledene Predikant Gebhardt, die wij uwe Hoog Edelheedens verzekeren, begre„ pen te zijn, onder het te kort gekoome Capitaal, door den geweezen Diaconij Cassier Pietersz: —, Onder nedrige dankzegging, voor de verleende permissie aan den soldaat Fridel om op Bimilipatnam Eerste Assignatie No. 10. 80 en boek houden 219: Bimilipatnam te mogen blijven, versekeren wij uw Hoog Edelheedens, dat wij steeds vooral in den presen„ ten tijd, zorg zullen draagen, dat wij altoos een goe„ den voorraad van graanen aan handen hebben. — De Jaarlijksche- Consumptie van Lampolij alhier, wordt ordinair gesteld op 3600. maaten, en hier na heb„ „ben wij ons ook gereguleerd, toen wij bij besluijt van den 5. october 1779. , Mejuffw. de weduwe Appeng ac¬ cordeerden, om van de lampolij, welke zij nog, als erf„ genaame van haar man, aan de Compagnie verant „woorden moet 2400. maaten aan den nieuwen Dis„ pencier in natuure te voldoen met 10 p /1, daarenbom aan Spillagie. — Het geen wij vermeenen niet te veel te zijn; gemert„ gem: geeke, door gebrek aan martavanen, verpligt ge¬ weest is de voorm: olie in leggers te bergen. — Dat anders door geen dispencier gedaan wordt, want die maandelijks niet meer oli van hunne olislagers ontvangen, als zij tot de verstrekking noodig hebben. Dat in deesen geen plaats heeft kunnen hebben alsoo de gem: weduwe, volgens de ordre van de Compagnie verpligt geweest is, al de olij, die bij haar mans administratie per restand lieps, binnen zekeren . 228. zekeren peremptoiren tijd te voldoen het zij in na¬ „tura of in Contant; en dus kon door gem: Geke, die olij niet wel anders ontvangen worden als met 10. par„ cent spillagie; ten zij wij, om de weduwe te bevoor„ „deelen zijne schaade, begeerd hadden. Van de Periode, betreffende de non Correspon„ „dentie van uwe Hoog Edelheedens met de Collegien van Justitie op de Buijten Comptoiren, voorkomende bij Hoog derzelver G'eerde missive van den 6. Junij hebben wij een Extract aan het Collegie van Iustitie alhier laaten afgeven, om in het vervolg tot haar narigt te kunnen dienen.— Terwijl wij eerstdaags in plaatsche van de terrug gezondene, nieuwe Actens van borgtogt verwagten, van het sadraspatnams op perhoofd de Neijs; hebben wij de eere Hoog dezelven te berigten, dat door den koop„ „man Blaauwkaamer als opperhoofd van Iagger„ naijk poeram, zoo wel als door den secunde van sadraspatnam Simons en den Resident van Por„ „tonovo Topander, ten onsen genoegen behoorlijk borg gesteld is voor hunne diensten, zoo als nader te zien is bij onse resolutie van den 7. april:—. ook is dit insgelijks gedaan, door den Iaggernaijk„ „poerams secunde de Ravallet, door daar voor zijne Eerste Assignatie No. 10. heq: boek houder zijne gage te verbinden, blijkens het aangeteekende bij onse Resolutie van den 22 Julij. Dewijl den bepaalden tijd van borgtogt voor het geweezen opperhoofd van Palleacatta, den koopman Hen„ „drik Ambrosius Johnson, ruijm geexpireerd is, hebben wij op het verzoek van zijnen gemagtigden alhier den onderkoopman en factuur houder Bloeme, op den 31. Maij Jongsleeden beslooten, tot de afgaave aan hem, uijt Compagnies kassa, van, al het geen den koopman Johnson bij de Na¬ gapatnamsche Negotie Boeken te vooren staat, weegens te goed hebbende gelden douceur g. En dit besluijt; naamen wij op dien dag ook, omtrent, al de Dou„ ceúr Penningen van den koopman Baars (:die hij boven het bedraa¬ „gen van een dubbelde borgtogt:/ als geweezen

NL-HaNA_1.04.02_3569_0121 view scan ↗

English

229. former resident of Jaggernaijpoeram was supposed to have to his credit. However, we have since, or by resolution of 8 July, resiled from this again, because of the heavy charges which have since been brought to his account. The time for the ordinary change in the subaltern colleges having arrived again for this year, we have on 11 and 26 August last, in place of the members whose term of two years has expired, elected others once more, both in the College of Marital and Petty Judicial Affairs and among the Orphan Masters. Which we hope will be approved, as well as the appointment of the trade and pay transferrers Nieuwboer and Swarts as members of the Council of Justice here. From the extract sent to us from Your Excellencies' resolutions of 7 April last, relating both to the request of the Council of Justice to obtain satisfaction from the former Fiscal Koning regarding a certain offensive expression, and to the petition made by the said Koning for maintenance in a certain matter concerning composition with prior knowledge of the judge; we have had the necessary extracts delivered to that college and to the said Fiscal. With which we hope that Your Excellencies' intention will have been satisfied. It has served to our great satisfaction in general, and to that of the undersigned governor in particular, that both the elucidations demanded of us regarding the complaints of the Tentief Nagamalla Wengada Soupa Raijaloe, and the justifications of His Honour, as well as our marginal reply to two anonymous complaint letters, 230. complaint letters, have satisfied Your Excellencies. And consequently the first signatory of this in particular, and we in general, thank Your Excellencies very highly, both for the favorable disposition taken thereon, and for sending the extract pertaining thereto from Your Excellencies' resolutions of 29 February last. Since no matters have occurred to us, since the dispatch of our respectful letter of 22 January of this year, which would need to be dealt with here under the main chapter of Native Affairs, we proceed to the main chapter of Foreign Nations. Under which we have the honour to report that on 7 April of this year we permitted William Roksburg, surgeon in the service of the English Company at Naoer, to enter into a legal marriage with the young lady Maria Bonte, as has since taken place, in the trust that this license granted by us will be approved by Your Excellencies, since we permitted the aforesaid marriage on the grounds that he is a man of good and modest conduct, professing the Protestant religion, and the guardians as well as the friends of the said young lady were very content with it. According to what was addressed by the Paleacatte servants in their letter of 6 May of this year, the Governor of Madraspatnam, Mr. Rumbolt, who has since departed for Europe, had the exceptional politeness 231. politeness to offer of his own accord the extradition of two deserters who had run away from Palliacatta. And as we found this act very obliging, we have not only instructed the chiefs at Palleacatta to render the same politeness to the English on a similar occasion, but we have since also observed this here, by sending all their deserters directly to Naoer. Although in the month of August last we reclaimed in vain a quartermaster and two sailors who had deserted from here to Naoer, as further appears from the letters exchanged thereon between the first signatory of this and the English resident, which are inserted in our resolution of 26 August, and to which we further take the liberty to refer. Under the main chapter of Servants, remark having been made by Your Excellencies regarding the discharge of the Easterners, we take the liberty, in answering that post, respectfully to cite that of the two companies of Easterners that had been stationed here, we sent one to Cochim to assist in the war against Haider Ali, of which company all the officers, together with the greatest part of the privates, were already discharged on the Malabar coast before we here from Your

Dutch transcription

229. geweezen opperhoofd van Jaggernaijpoeram zou te goed hebben. — Dog wij hebben hier van sedert, of bij Re„ off solutie van den 8. Julij weder geresilieerd, om de zwaare belastingen welke hij sedert op zijn Reekening gekreegen heeft. — De tijd van de ordinaire verandering in de subalterne Collegien, van dit Jaar we„ „derom ingevallen zijnde, hebben wij op den 11. en 26. aug„s laastleeden, in plaatsche van de hunnen tijd van twee Jaaren uijtgediend hebbende Leeden, wederom anderen verkooren, zoo wel in het Collegie van Huwlijksche en klijne geregtszaaken als bij wees mees¬ „teren. — Het geen wij hoopen dat zoo wel zal worden goedgekeurd, als de aanstelling van de Nego¬ „tie en soldij overdraagers Nieuwboer en swarts tot leden in den raad van Justitie alhier. — Van het ons toegezonde Extract uijt Hoog„ der zelver Resolutien van den 7. April Iongstleeden, zoo wel relatie hebbende tot het versoek van den Raad van Justitie om satisfactie Eerste Assignatie No. 10. 10 en onder boek E29: satisfactie te moogen erlangen van den geweezen Fiscaal koning, weegens ze„ „kere loesive uijtdrukking, als tot de door„ gemelden koning gedaane instantie om maintenu, in zekere zaak, Concerneeren, „de Compositie met voorkennis van den regter; hebben wij de nodige Extracten aan dat Collegie en den gemelden Fiscaal laaten afgeeven — Waarmeede wij hoopen dat aan de intentie van Hoogdezelven zal wee¬ „zen voldaan. Het heeft ons alle en het generaal, en den ondergetekende gouverneur in het bijzonder, tot zeer veel satisfactie gestrekt, dat zoo wel de van ons gevorderde elucidatien op de klag„ „ten van den Tentief Nagamalla wengada Soupa Raijaloe, als de verantwoordingen van zijn Edele, mitsgaaders ons margi„ „naal antwoord op twee naamlooze klagt schriften 230. klagtschriften uwe Hoog Edel„ heedens voldaan hebben. —. En dienvolgende bedankt den eersten teekenaar deezes in het particulier, en wij in het generaal uwe Hoog Edel„ „heedens zeer hoogelijk zoo wel voor de gunstige dispositie daar op genoomen, als voor het toezenden van het daarvan spreekend Extract uijt Hoog„ „derzelver resolutien van aen 29. februarij laastleeden. — Nadien aan, ons, sedert het afgaan van onse Eerbiedige lette¬ „ven van den 22. Ianuarij deezes Iaars, geen zaaken zijn voorge¬ „koomen, die bij deesen onder het Hoofddeel van Inlandsche zaaken, zouden dienen ver„ handeld Eerste Assignatie No. 10. 40 en boek houder 289: verhandeld te worden. — gaan wij over tot het Hoofd„ „deel van vreemde Natien. — Waaronder wij de Eere hebben te melden, dat wij op den 7. april deezes Jaars aan William Roksburg, Chirurgijn in dienst van de Engelsche Compag¬ „nie te Naoer, gepermiteerd hebben om met de Jonge Juffw. Maria Bonte een wettig huwelijk te moogen aangaan zoo als sedert geschied is, in vertrouwen dat deese onze verleende licentie door uwe hoogEdelheedens zal worden goedgekeurd, nadien wij het voorsz: huwelijk hebben toe¬ gestaan, uijt hoofde hij man is van een goed en zedig gedrag, belijdenis doende van de pro¬ testantsche godsdienst, en de voogden zoo wel als de vrienden van de gem: Jonge Juffer er zeer meede te vreede waaren. — volgens het geaddresseerde door de Palle„ acatsche Bediendens bij haaren brief van den 6. Maij deeses Jaars heeft den heer Madraspatnams gouverneur Rumbolt, (: die sedert na Eu¬ „ropa vertrokken is:/ de bij zondere beleeft. 231. beleeftheijd gehadt, uijt zig zelven aantebieden de uijt leeve„ „ring van twee deserteurs, welke van Palliacatta wageloopen wa„ „ren. — En wijl wij deeze daad zeer verpligtend hebben gevonden, heb„ „ben wij niet alleen de opperhoofden Palleacatta gelast om bij een diergelijke gelegendheijd de zelfde beleeftheijd aan de Engelschen te bewijzen maar wij hebben dit sedert ook hier geobserverd, met alle hunne deserteurs direct na naoer te zenden. schoon wij in de maand Aug:s Jongstleeden een quartier„ „meesters en twe Mattroosen, die van hier na Naoer gedeser„ „teerd waren te vergeefs gerectameerd hebben: zoo als nader blijkt bij de daar over tusschen den eersten teekenaar deezes het Engelsch opperhoofd gewisselde brieven, die geinsereerd zijn bij onze Resolutie van den 26. Augustus, en waar aan wij verder de vrijheijd namen onste gedraagen. onder het hoofdeel der Dienaaren, door uwe Hoog„ „Edelheedens vemarque gemaakt zijnde over het afdanken der oosterlingen, neemen wij de vrijheijd ter be antwoording van die post met eerbied aan te haalen, dat wij van de twee Com„ „pagnien oosterlingen welke alhier bescheijden geweest zijn een na Cochim gezonden hebben tot assistentie in den oorlog tegen Haider Ali, van welke Compagnie, alde officieren nevens het grootste gedeelte van de gemeene, bereeds op de kust Mallabaar afgedankt geworden zijn voor wij alhier van uwe Eerste Assignatie No. 10. en 781 boek houder E29:

NL-HaNA_1.04.02_3569_0126 view scan ↗

English

received your High Noblenesses' order to send the two companies of Orientals that were stationed here to Ceylon. However, as soon as we received the aforesaid order, we immediately offered the Ceylon ministers the Orientals who were to be found here; which consisted of one captain, one lieutenant, three ensigns, and 60 privates, but they have refused to accept anything other than privates, provided they were born Malays. We have had these selected to the number of 27 heads and sent them to Ceylon. Yet because the 4 heads remaining here were not true Malays, but natives from here of the Moorish caste, whom we were indeed obliged to take into service from time to time in order to keep our companies at full strength, we were indeed forced to discharge them along with the aforementioned five officers. Of the said officers, as was just mentioned earlier, there are presently still here Captain Jabar, the Lieutenant Boediman, and the Ensigns Nama Sinan, Abdoel Gafoer, and Sommsoedien, together with 21 privates who stay with their families, to whom they are related by marriage or otherwise, and receive room and board; while all the others, or at least the greatest part of them, have taken to seafaring, whether to Malacca or Aceh. On the 19th of September, we gave notice to the said officers and privates of the favorable decision which your High Noblenesses were pleased to make regarding them, and as we found them immediately prepared thereupon to depart for Batavia upon our first order, we have taken them back into service according to your High Noblenesses' desire. And were we in a different circumstance of time, we would send them on this occasion to the Indian capital. However, it having been considered by us that in these critical times we could most highly need these people, who have conceived a genuine hatred against Hyder Ali and his troops because of the bad treatment inflicted upon some of their comrades when they were taken prisoners of war near Chetway, we have resolved, subject to the favorable approval of your High Noblenesses, to retain here the aforesaid small company of Orientals, which we will endeavor to strengthen to some extent if we can obtain true Malays for that purpose, until the apparent danger threatening us shall have disappeared. Meanwhile, we take the liberty to respectfully thank your High Noblenesses in the name of the Trade Administrator Hendrik Nieuboer, the Chief Surgeon of the Outer City Oltman Ther, and the Pay Bookkeeper Broerius Brouwer, all of them, for the favorable confirmation in their aforesaid posts, wherein they will strive to give Your High Noblenesses the required satisfaction. Since your High Noblenesses have been pleased to appoint the Junior Merchant and present Pay Bookkeeper at Surat Willem Hendrik van Bijland as Overseer of Works at Nagapattinam, we not only thank you for the communication given thereof, but also consequently have the honor to note hereby that, following Your High Noblenesses' instructions, we have already assigned the provisional execution of that service to the forward-mentioned Captain Engineer De Vije. The Chief and the Second of Sadraspatnam, Mr. Jacob Pieter de Neijs and Jacob Simons, being exceedingly grateful for the great favor promised to them by your High Noblenesses, namely that you would favorably recommend them to the Lords Majors for obtaining the effective rank and salary of Merchant and Junior Merchant respectively, have requested us to thank your High Noblenesses for this in the most humble manner, as we now have the honor to do. While we take the liberty to assure Your High Noblenesses in truth that the soldier Carolus Pawel, under which name he has always run in the pay books here, has been held to be innocent not only among our entire garrison, but also by various other people who have known him, and thus we hope that the Chief Surgeon of this Castle, who served us with a report on that case in the past year, will be absolved by your High Noblenesses of inattention or ignorance in this matter. Upon the favorable authorization obtained for that purpose from your High Noblenesses, we have, in accordance with the resolution of the 15th of September, again sent a surgeon to Bimlipatnam and one to Jagannathapuram, to remain stationed there. To which end we have also authorized the Chiefs to include again in their monthly expense accounts, as was done previously, such hospital expenses as are permitted by the memorandum of management. However, in order to be able to provide both the aforementioned offices with a capable surgeon, we have had to resolve to accept into service as junior surgeon at 24 guilders the private surgeon Charles Latouche Behnier, who has practiced with very good success in this city for more than five years.

Dutch transcription

uwe Hoog Edelheedens ordre ontringen, om de twee Compag„ „mien oostelingen welke alhier bescheijden waren na Ceijlon te zonden. — Dog zoo dra wij de voorschreeve ordre er langden, hebben wij direct de Ceijlonsche Ministers aangebooden, de hier na te vinden geweest zijnde oosterlingen; welke bestaan heb„ „ben in een Capitain een luijtenant drie vanndrigs, en 60: geene „ne, maar zij hebben daar van niets anders begeeven te acceptee„ „ren dan gemeene, mits gebooren Maleijors zijnde. — Deeze hebben wij tot een getal van 27. koppen laaten uijtzoeken en na Ceijlon gezonden. — Dan wijl de hier over geblevene 4: koppen geen regte ma„ „laijers maar ingeboorene van hier van de Moorsche Casta wa¬ „ren, die wij om onze Compagnien voltallig te houden, wel verplg geweest zijn van tijd tot tijd, in dienste neemen, zijn wij wel ge„ „noodsaakt geweest om dezelven nevens de voormelde vijf officie „vin af te danken. — Van gemelde offcieren bevinden zig gelijk zoo even in eer hid gezegt is tans nog hier Capitain Jabar, den luijtenamt Boe„ „diman, en de vaandrigs, Nama Sinan, Abdoel Gafoer, en Sommsoedien, nevens 21. gemeenen welke zig hier bij hunne vin„ „den, waar aan zij door huwelijk als andersints vermaagt schiap zijn, op houden en de kost genieten; terwijl alle de overige, of ten minste het grootste gedeelte van hun, zig aan de wijl vaart 282. vaart, het zij na Malacca of Atchim begeven hebben. Aan de gemelde officieren en gemeene hebben wij op den 49' sebp „tember kennis gegeven van de gunstige schilling die uwe Hoog„ „Edelheedens omtrent hun hebben gelieven te maaken en wijl wij haar daar op, direct bereijd von den om of on ze eers„ „te ordere na Batavia te vertrekken, hebben wij hun na de begeerte van uwe Hoog Edelheeden weeder in dienst genomon= En waren wij in een andere omstandigheijd van tijd, wij zouden hun bij deeze gelegendheijd na Jndiasch hoofd„ „=plaatsche overzenden. — Dan door ons geconsidereerd zijnde dat wij in deeze Coetique gestellheijd van tijd, dit volk, het geen een wezent„ „lijk haat tegen Haider Ali, en zijne troupes opgevat heeft, om de slegte behandeling, eenige van hunne makkors aangedaan, wanneer zij bij Chittua krijgs gevangen gemaakt wierden, toen hoogsten zouden kunnen noodig hebben, hob„ „ben wij op gunstige approbatie van uwe Hoog Edelheedens be„ 8 904 „sloten, de voorschreeve kleijne Compagnie oosterlingen, welke wij eenig zints zullen zien te versterken zoo wij daar toe opregte Maleijers kunnen bekoomen alhier aan te houden, tot het oogenschijnlijk gevaar dat ons drijgt, zal verdweenen wer„ „zen. — ondertusschen neemen wij de rijheijd, uwe Hoog Edel„ „heedens uijt naam van den Negotie overdrager Hendrik Nieuboer Eerste Assignatie No. 10. 80 heq: boek houder Nieubor, den opperchirurgijn der Buijtenstad oltman Ther en den Zoldij. Boekhusder Broevils Brouwer, alle eerbiedig te bedanken, voor de gunstige bevestiging in hunne voorschree¬ posten; waaren zij tragten zullen Hoog dezelven het ver„ „eijschte genoegen te geeven. — Dewijl uwe Hoog Edelheedens tot op ziener der werken te Nagapatnam hebben gelieven aan te stellen den onderkoo „man ee presenten soldij- boekhouder te souratta willem sd „drik van Bijland, bedank en wij niet alleen voor de daar van gegeve Communicatie, maar hebben ook ten vervolge, de eer, bij deezen te noteeren, dat wij op Hoog der zelver aanschr „vons, de provisioneele waarneming van die dienst bereeds op„ „gedraagen hebben, aan den voorwaarts vermelden Capitain Jngenieur De vije. Het opperhoofd en den secunde van Sadraspatnam M:r J „cob Pieter de neijs, en Jacob Simons, ten uijtersten gevo „lig zijnde van de groote gunst door uwe Hoog Edelheeden aan hun beloofd, om hun namentlijk, aan de Hoeren Ar¬ „jores favorabel te zullen voordraagen, ten erlanging van de effective qualiteijt en gagie van koopman en onderkoop„ „man respective; hebben ons gesolliciteerd, om uwe HoogEd „delheedens daar voor op het aller humbalste te bedanken, Zoo als wij tans de eere hebbe te doen. — Terwijl wij de vrijheijd noemen Hoog de zelve n waa „heijd 233. „heijd, te verzekeren, dat den soldaat Carolus Pawel, met welke naam hij hier altoos bij de soldij boeken geloo„ „pen hoeft, niet alleen onder ons gansch guarnisoen, maar ook door verscheijde andere menschen die hem gekend heb„ x „ben, voor innocent gehouden is en dus hoopen wij dat den opperchirurgijn deezes Casteel, die van dat geval, in anno passato, aan ons, van berigt gediend heeft, door uwe Hoog„ „ Edelheedens zal worden vwij gekent van in attentie of on„ „kunde in deezen. — Op de daar toe erlangde gunstige qualificatie van uwe Hoog Edelheedens; hebben wij, volgens besluijt van den 15: September, wederom een Chirurgijn na Bimilipat„ „nam en een na Jaggernaikpoeram gezonden, om aldaar bescheijden te blijven leggen. — Ten welken eijnde wij de opperhoofden ook gequalificeerd hebben, om wederom zoo als bevorens geschied is, bij hunne maandelijksche;, onkostreekeningen te mogen opbrengen zoodanige Hospitaals ongelden als bij de memorie van mena„ „gie toegestaan zijn. — Dog om de beijde opgemelde Comptoiren van een bekwaam Chirurgijn te konnen voorzien, hebben wij moeten resolveeren, om den sedert meer als vijf Jaaren in deeze stad, met zeer goed succes gepractiseerd hebbende particulieren Chirurgijn Charles Latoucha Behnier, voor onder Chirurgijn met ƒ 24:9 Eerste Assignatie No. 10. 80 81 heq: boek houder)

NL-HaNA_1.04.02_3569_0130 view scan ↗

English

§ 34: to take into service, on the grounds that no one can be spared here in the hospital, which we accordingly also hope will be approved. The Boatswain Jan Kiers, who departed as pilot with the ship the Triton to Jaggernaikpoeram, we shall appoint as second mate as soon as he returns and possesses the necessary competence for it, upon the qualification obtained for that purpose from Your High Nobilities. In the meantime we have informed him of the reasons that moved Your High Nobilities not to grant the board money for a pilot requested by him; to which he not only submits with respect, but he also most highly thanks Your High Nobilities for the favorable selection that has fallen upon him. Furthermore, we thank Your High Nobilities not only for the granted allowance for another year to those receiving allowances here, but also for the favorable passing of the salary of 20 guilders granted by us to the organist Swarts, and for the permitted continuation of the salary of the Bookkeeper Isaac Reinier Simon, who arrived here from Bengal with suspended salary, from the day that he again performed service here. Under delivery of the list sent to us, we have ordered the secretariat and trade employees henceforth not to send the papers specified therein, since they have been needlessly exempted; which we trust will be observed by them. The member of this assembly, the Merchant Tit: Willem Swijneveld, having passed away here on 2 June of this year, we appointed, on the 14th following, subject to the favorable approval of Your High Nobilities, the Junior Merchant Johannes Accamas as Adigaar and Master of the Mint here, and likewise as a member of our assembly, whom we in turn have had succeeded in the chief directorship of Palicol by the unassigned Junior Merchant Gerardus van Haaften, for whose confirmation we herewith take the liberty to request emphatically, as well as for that of the Bookkeeper Thomas Campie, whom, in consideration of his long years of service (in which he has served as bookkeeper at the secretariat since the year 1753), we appointed on 8 July 1781 as receiver of the Company's domains here, in place of the deceased Bookkeeper David Vick. The Merchant and former Fiscal of this principal place, Martinus Koning, we have, in accordance with the license obtained in the past year from Your High Nobilities, on 22 July not only granted passage to the Netherlands with the ship the Triton, retaining rank and salary, but also permitted him to take with him his six minor children (of whom we have since taken into service the two eldest as sailors and placed them on the Triton) without payment of any transport and board money. Which voyage he has since or on 4 September undertaken with the said vessel, together with all his children; without previously, as the orphan masters here desired, giving proof to them of their share in their mother's estate, because we released him from this by resolution of 26 August, for we are of the opinion that a father, as long as he does not remarry or separate from his children, even according to the instruction drafted for orphan masters, is not obliged to give any proof to them for his children, even more so when such is demanded at so inconvenient a time as this was asked of the former Fiscal Koning, namely a few days before his departure. But since this is written more fully in our aforesaid Resolution of 22 August, we take the liberty to refer thereto with respect, and trust that our conduct will be fully approved, as being founded upon the instruction of the Orphan Chamber itself. Besides the aforementioned Fiscal Koning, we have also granted passage to the Cape to the little daughter of the Sadraspatnam Chief de Neijs, named Aletta Wilhelmina, aged 5½ years, with the aforementioned vessel the Triton, under payment of transport and board money. And we have likewise released to the Netherlands with the said vessel one bombardier, two gunners, and six soldiers, who had fully served out their contracted time and could not be persuaded to any new engagement. Besides the Gentoo Aja Candoe Poele and his cook Candoe Lebe, we have also, upon the honored orders of Your High Nobilities, granted passage to Batavia without payment of the customary transport money, with the bearer of this, the counter-ship Hoorn, to the five children of the former lieutenant of the Moors at Batavia, Assa Nina Pauwt, with a retinue of 5 persons; however, the Moors Machomet Jsoep and Mahomet Sab were not able to take advantage of Your High Nobilities' favorable license this year. The Bookkeeper Frans Hendrik Wenger, having fully served out his contracted time at the secretariat here to the satisfaction of his masters, being inclined to repatriate from Batavia, we let him sail over for that purpose with the bearer of this, though with suspended salary. Subsequently, we have also placed on this ship a sergeant

Dutch transcription

§ 34: in dienst te neemen, uijt hoofde hier in het Hospitaal niemand kan worden gemist, het geen wij dien volgande okhoo„ „pen dat zal worden geappbeerd. — Den BootsmanJan kiers die als Loots met het schip de Triton na Jaggernaikpoeram vertrokken is, zullen wij zoodra hij te rug komt, en er de noodige bekwaamheijd toe bezit tot onderstuurman aanstellen op de daar toe erloong„ „de qualificatie van uwe Hoog Edelheedens. Intusschen hebben wij hem konnis gegeven van dere„ „donen die uwe Hoog Edelheedens bewoogen hadden, het door hem verzogte kostgeld van Loots niet te accordeeren; waar aan hij zig niet alleen met eer sied onderwerpt, maar hij be„ „dankt Hoog de zelven ook ten hogsten voor de gunstige n „lectie, die op hem geslagen is. — Wijders bedanken wij Hoog de zelven niet alleen voor de geaccordeerde nitt gagie voor nog een Jaar aan de alhier zijnde gegagieerdens, maar ook, voor het gunstig passeer „ven van de door oms toe gelegde gagie van den 20 gb=s aan den organist swarts, en voor de gepermitteerde Cours neeming gage van den van Bengalen met afgeschreeven gagie al„ „hier aangekomen Boekhouder Isaac Reinier Simon van den dag af dat hij hier weder dienst gedaan heeft We hebben onder afgave van den ond toegezonden lijst de secretarij en Negotie bediendens gelast, om de daarb gespecifice l 234. gespecificeerde papieren voortaan niet af te zonden, wijl zij nadeloos geexcuseerd zijn; het geen wij vertrouwen dat door hun zal worden geobserveerd. — op den 2 Junij deezes Jaars alhier overleeden zijn, „de het Lid deezer vergadering, donkoopman Tit: willem Swijneveld, hebben wij op den 14. daaraan volgende opguns„ „tige approbatie van uwe Hoog Edelheedens tot Adigaar en Mantmeester alhier, en teffens tot Lid van onze vergade„ „ring aangesteld den onderkoopman Johannes Accamas, die wij weder in de opperhoofdij van Palicol hebben laaten suc„ „cedeeren door den onderkoopman buijten emplooij Gewar„ „dus van Haaften, om welkers bevestiging, wij bij dee„ „zen zoo wel de vrijheijd neemen met nadruk te verzoeken, als om die van den Boekhouder Thomas Campie welke wij uijt Consideratie van zijne lang Jaarige diens„ „ten, (: waar in hij sedert den Jaare 1753. als boekhouder op het secretarije dienst gedaan heeft :/ op den 8 Julij heb„ 781 „ben aangesteld tot ontfanger van Compagnies Pomeijnen alhier, in plaatsche van den overleeden Boekhouder David vick Den koopman en geweezen fiscaal deezer Hoofd= plaat„ „sche Martinus koning, hebben wij volgens de in anno pasato erlangde licentie van uwe Hoog Edelheedens, op den 22 Julij, niet alleen behoudens qualiteijt en gagie met het Schiip Eerste Assignatie No. 10. 10 en Eeg: boek houder) schije de Triton na Nederland verlost, maar hem ook ge„ „permitteerd, zijne zes ommondige kinderen (: waar van wij sedert de twee oudsten voor Matroozen in dienst genomen en op de Triton geplaast hebben:) te mogen meede neemen zonder betaaling van eenig Transport en kostgeld. — Welke rijzen hij sedert of op den 4: September met den gemelden bodem ondernoomen heeft, nevons alle zijne kinde„ „ren; zonder van te vooren, zoo als weesmeesteren alhier begeerden aan dezelve bewijs te doen, van hun aandeel, in de nalaa„ „tenschap van haare moeder, want wij hem hier van bij besluijd van den 26: Aug:s gelibereerd hebben, om verden wij van gevoe„ „len zijn dat een vader zoo lang hij niet hertrouwt of van zijne kinderen separeerd, Zalfs volgens de instructie voorwee¬ „meesteren beraamd, niet verpligt is, aan dezelve eenig be„ „wijs te doen, voor zijne kinderen, te meer nog wanneer Zilk op zoo een ongelegen tijd als dit van den oud fiscaal ko„ „ning afgevraagd is, gevorderd wordt, namentlijk korte dagen voor zijn vertrek, Dan wijl dit een en ander breeder geschreeven staat bij onze ofgemelde Resolutie van den 22 Aug:s neemen wij de vrijhaijheijd ons daar vn met verbied aan te refereeren; en vertrouwen dat ons gedrag volkomen zal worden goedgekeurd; als gefundeerd zijnde op de instructie van de weeskamer zelfs. — Behalven den opgemelden Fiscal koning hebben wij 235. wij aan het dogteije van het sadraspatnamsche oopperhoofd de Neijs, in naame Aletta wilhelmina oud 5½. Jaar, met den op„ „gemelden bodam de Triton ook passagie na de Caal valeend, onder betaaling van transport en kost geld. — En wij hebben teffens met den gemelden bodem na Neder„ „land verlost, een bombardier, twee Canoniers en zes zoldaa„ „ten welke hunnen verbonden tijd ruijm hadden uijtgediend, en tot geen nieuw en gagement te bewegen waren Behalven den Jentief Aja candoe Poele, en zijnen kok CandoeLebe hebben wij ook op Hoog derzelver geeerd aanschrijvens, met brenger dee zes het Contra schip Hoorn, zonder betaling van het gewoone Transport geld passagie na Batavia ver„ „leand aan de vijf kinderen van den oud luijtenant der moo„ „rente Batavia Assa Nina Pauwt met een gevolg van 5 koppen, dog de mooren Machomet Jsoep en Maho„ „net sab, hebben van dit Jaar niet kunnen profiteeren van uw Hoog Edelheedens gunstige licentie.— Den Boekhouder Frans Hendrik wenger welke zijnen verbonden tijd, ter secretarije alhier ruim entot ge„ „moogen van zijne baazen heeft uijt gediend, genegen zijnde, van Batavia te repatrieeren, laaten wij hem ten dieneijn„ „de, met brenger deezes overaaren dog met afgeschreeve gage. Vervolgens hebben wij nog, op dit schip geplaatseen ses geant Eerste Assignatie No. 10. lren 178. d boek houder

NL-HaNA_1.04.02_3569_0134 view scan ↗

English

sergeant degraded by us to private soldier on account of his bad conduct; besides three common soldiers whom we request may henceforth remain stationed at Batavia. And herewith concluding our provisional report for the present, we wish that the matters handled by us herein may meet with the High Approval of the same. Meanwhile we take the liberty, besides the above-mentioned papers, to present to your High Nobilities under the enclosures hereof the following documents; namely: Two letter packets received from Colombo, and One letter packet sent hither from Cochim, all addressed to your High Nobilities. A letter under Cachet volant from the Court of Justice here, addressed to the Honorable Respected Council of Justice of the Castle Batavia. A packet of Coromandel Orphan Chamber Books for the year 17[illegible] addressed by the orphan masters here to the gentlemen orphan masters at Batavia. A copy of an ordinance and written certificate from the authorities of today concerning the ship Hoorn, regarding the proper calking, careening, etc., of said vessel. 25 original invoices of 19 packs of private goods, 236 pieces, [illegible] packs, which were transferred with the bearer thereof upon requisition to Batavia, and An invoice, together with a bill of lading of the cargo in the bearer of this, accompanied by a note of the number and the weight of the packs being sent over; which consist of: 960 in 12 ditto salempores common bleached 240 in [illegible] 1200 in [illegible] 1600 in [illegible] 3200 in [illegible] 100 in [illegible] 700 in [illegible] 100 in 1 ditto brown blue fine ditto 20 covids 200 in [illegible] 200 in [illegible] 200 in [illegible] 300 in 3 ditto ditto per pieces fine dyed fabric: 4349. 11. -. 20 in 1 ditto underpants checked, and striped red: 202. 6. 8. 480 or 12 Guineas common unbleached: f 4352. 16. -. 10 ditto common bleached 160 in 2 Gingham taffachelas extra fine: 2706. 9. 8. 370 in 4 ditto ditto ditto ordinary sort: 3358. 4. -. 200 in 2 ditto governor four-thread: 6532. 5. 8. 200 in 2 ditto checked, and striped red: 2723. 9. -. 50 in 1 ditto or sailcloth fine bleached of 36 covids: 244. 15. -. 160 in 4 ditto bleached the Company's old sort: 2142. 17. -. 1 Mooris fine bleached of 18 covids 2 ditto ditto ditto 14 ditto 200 in 2 Bethilles brown blue: 1138. 17. 8. 520 in 6 neckcloths fine red: 7289. 9. -. 400 in 2 rumals checked large: 2076. 19. -. 320 in 8 ditto fine bleached: 5463. 3. 8. 1560 in 39 ditto common bleached: 15235. 13. -. 7360 in 92 ditto brown blue: 43432. 16. -. 3 baftas brown ditto: 1315. 10. -. 20 ditto brown blue: 9091. 17. 8. 7 ditto bleached of 14 covids: 2738. 13. 8. 2 ditto ditto ditto 12 ditto: 860. 12. 8. 4000 in 100 ditto brown blue: 57737. 3. -. 6 percale fine bleached: 3884. 13. 8. 2 ditto ditto ditto of 15 covids: 1585. 2. 8. 200 in 2 ditto drongam: 587. 13. 8. 320 in 2 ditto bedding: 1279. 13. 8. 350 packs, which transfer with: 3412. 8. -. 672. 7. 8. 39. 6. -. 1008. 4. 8. 4515. 9. 8. chests f 191078. 16. 8. First Assignment No. 10. Aren 1 d 781 qualified bookkeeper

Dutch transcription

ser geant door ons om zijn slegt gedrag tot soldaat gedegra „deerd; nevens nog drie geemene militairen die wij verzoeken dat voortaan op Batavia mogen bescheijden blijven— En hier meede ons provisionel verslag voor het tegenwoor„ „dige bepaalende, wenschen wij dat de indeezen door ons ve„ „handelde zaaken, Hoog dezelve genoegen zullen mogen ry„ „van. — Ondertusschen neemen wijde vrijheijd, behalven de hier boven vermelde papieren uwe Hoog Edelheedens nog onder de bijlaagen deezes aan te bieden de ondervolgende documen „ten; namentlijk — Twee van Colombo ontvangene brief- pasketten, en Een van Cochim herwaarts gezonde brief pakket, alle aan Hoog Edelheedens geaddresseerd. — Een brief onder Cachet volaut door het Collegie van Justitien „hier, aan den welEdelen Agtb: Raad van Justitie des „teels Batavia beschreeven — Een Pakket Cormandelsche weeskamer Boeken d.' anno 17 doorweesmeesteren alhier aan Heeren wees moesteren op „tavia geadresseerd— Een Copie ordonnancie op en schriftelijk Certificaat van de ovor he „den van heeden van het schip Hoorn, wegens het behoorlijke „faaten, sineeren ensz: van gemelden bodem 25. vigiwele Fraectuuren van 19. pakken pantinulier ijveaate 236. feesen - . Pakenen die met brenger derzel op recoquietie na Batavia overgegaan, en Een Factuur, mitsgaders een it Cognos cement van het gelaadene in brengen deezes verzeld van een Notitie van het getal en de zwaarte der overgezonde wordende paken; welke bestaan in 960. „ 12. – salemp:s gemeen gebleekt - - - - - -- 240. „ 1200. „ 1600. „ 3200. „1 100. „ 700. „ 100. „ 1. – d:o bruin blauw fijne d. o 20 caal - - - - - - - - - - - - - „ 200. „ 200. „ 200. „ 300. „ 3. — d:o d:o p d=s fijne verbolede stoffe - - - - - - - - - „ 4349. 11. —. 20. „ 1. —. d:o onderbroeks gruijte, en gestreepte roode - - - - - - - „ 202. 6. 8. 480. of 12 —. Guinees gemeen Ruw _ _ _ _ _ _ _ _ - - - - - - - ƒ 4352. 16. —. 10. —. d:o gemeen gebleekt - - - - - - - - - - - - - „ 160. „ 2. –. Gingam taffa Chelassen Extra fijne - - - - - - - - - „ 2706. 9 8. 370. „ 4. — d:o d:o d:o ordinaare zoort - - - - - - - - - „ 3358. 4. –. 200. „ 2. — d:o gouverneur vierdraags - - - - - - - - - - - „ 6532. 5. 8. 200. „ 2. —. d:o geruijto, en gestreepte Roode - - - - - - - - - - „ 2723. 9. —. 50. „ 1: —. d:o of Zeildoek fijn gebleekt d:' 36 Cob:s - - - - - - - „ 244. 15. —. — 160. „ 4. — d:o gebl: sComp:s oude soort - - - - - - - - - - „ 2142. 17. —. 1. –. Moeris fijn gebl: d. ' 18 caal - - - - - - - - - - - - . „ 2. -. d:o d:o d:o „ 14. d:o - - - - - - - - - - - - „ 200. „ 2. —. Bethillos bruin blaauw - - - - - - - - - - - „ 1138. 17. 8. 520. „ 6. —. Neetsdoeken fijne Roode - - - - - - - - - - - - - „ 7289. 9. —. 400. „ 2. –. Roemaals geruijk Groote - - - - - - - - - - - - - „ 2076. 19. —. 320. „ 8. –. d:o fijn gebleekt - - - - - - - - - - - - - „ 5463. 3. 8. 1560. „ 39. —. d:o gemeen gebl: - - - - - - - - - - - - - - - - „ 15235. 13. –. 7360. „ 92. -. d:o bruin blauw - - - - - - - - - - - „ 43432. 16. —. 3. — „ baftas bruin d:o - - - - - - - - - - - - - - „ 1315. 10. —. 20. —. d:o bruin blauw - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 9091. 17. 8. 7. –. d:o gebl: d: 14. caal. . . . . . . . . . . . . . . „ 2738. 13. 8. 2. –. d:o d:o d:o „ 12. d:o - - - - - - - - - - - - - - „ 860. 12. 8. 4000. „ 100. — d:o bruijn blauw - - - - - - - - - - - - - - „ 57737. 3. —. 6. —. Parcallen fijn gebleekt - - - - - - - - - - - - „ 3884. 13. 8: 2. -. d:o d:o d:o d:' iscaal - - - - - - - - - - - - - - - „ 1585. 2: 8. 200. „ 2. –. d:o drongam - - - - - - - - - - - - - „ 587. 13. 8. 320. „ 2. –. d:o Beddelijk - - - - - - - - - - - - - - - - „ 1279. 13. 8. 350. Pakken, die Transporteere met - - - - 3412. 8. -. 672. 7. 8. „ 39. 6. -. 1008. 4. 8. - - - - „ 4515. 9. 8. kisten ƒ 191078. 16. 8. Eerste Assignatie No. 10. Aren 1 d 781 heq: boekhouder)

NL-HaNA_1.04.02_3569_0136 view scan ↗

English

pieces Packs 350. Packs brought forward amounting to - - - - - - - - - - - - ƒ 191078. 6. 8. 50. or 1. —: gingham or sailcloth fine bleached of 24. cobidos - - - - - - - - 217. 12. 8. 800 lb 4. —. Chelas fine red checkered - - - - - - - - - - - 5909. 2. –. 120. 2. –. Chintz fine painted - - -- 1771. 18. 8 1920. 8. —. single or 48 corges Cambays fine according to 25 handkerchief patterns - - - 9287. –. –. 7800. 13. –. single or 130 Corges Cambays fine according to 2 Handkerchief patterns - - - - - - - - - - - - - - - 28561. 18. — 3520. 22. –. Cambays Raw Red - - - - - - - - - 10200. 6. —. 240. 6. –. Guineas common Raw - - - - - - - - - - - 2050. 16. —. 2360. 59. —. ditto ditto bleached - - - - - - - - - - - - 21666. 3. 8 1120. 28. –. ditto brown blue - - - - - - - - - - - 16304. 14. -. 300. 3. —. Salempores fine bleached - - - - - - - - - - - - 1849. 14. —. 160. 2. —. ditto common ditto - - - - - - - - - - - - 769. 14. 8. 2480. 31. —. ditto brown blue - - - - - - - - - - - - 14211. 6. 8. 1120. 7. –. ditto brown blue - - - - - - - - - - - - - - 862. 15. 9 600. 6. –. Morees ditto ditto 1325. 6. 8. 200. 2. –. betilles ternatanes bleached - - - - - - - - 3083. 7. 8 300. 3. -. ditto brown blue - - - - - - - - - - - - - - 4402. 7. 8 100. 1. –. Handkerchiefs fine red - - - - 1164. 13. 8. 400. 4. –. gingham taffachelas extra fine - - - - - - - - 1687. 10. 8. 300. 3. -. ditto ditto ditto fine improved fabrics - - - - - - - 1401. 11. -. 400. 4. —. ditto ditto ditto ordinary sort - - - - - - - - - 6765. 6. -. 100. 1. -. ditto drongain - - - - - - - - - - - - - - - 4349. 11. -. 400. 2. —. Chelas fine Red checkered - - - - - - - - - - - 3631. 7. 8. 1280. 8. - . Cambays Raw ditto - - - - - - - - - - - - 293. 17. - 3200. 80. –. Guineas common bleached - - - - - - - - - - - - 2954. 11. - 880. 11. —. Salempores ditto Raw . - - - - - - - - - - - - - - - 3709. 4. – 160. 2. -. ditto brown blue - - - - - - - - - - - - - - - 24176. 9. 250. 10. —. Skate skins cleaned - - - - - - - - - - - - - 3320. 3. 300. 5. -. uniform Coats - - - - - - - - - - - - 847. 3. 160. 2. –. baftas brown ditto - - - - - - - - - - - - - - - - - 556. 5. - 400. 2. –. percale fine bleached - - - - - - - - - - - - - 7127. 4. - 720. 9. -. ditto ditto bleached . . . . . . . - - - - - - - - - - - - 2886. 13. 2000. 2. –. white men's shirts - - - - - - - - - - - - - - - - 364. 13. 8 1500. 2. —. ditto Trousers - - - - - - - - - - - - - . . 2160. –. 8 695: Packs, which are carried forward amounting to - - - - - - - - ƒ 384948. 13. 8 237. Packs Pieces chests. pieces 947. 26148.¼. lb: 695. -. Packs Brought forward amounting to - - - - - - - - - - ƒ 384948. 13. 8. 200. or 2. –. Handkerchiefs fine Red - - - - - - - - - - - 2803. 2. 8. 100. 1. —. gingham taffachelas Extra fine - - - - - - - - 1691. 6. 8. 100. 1. –. ditto ditto ditto fine improved fabric - - - - - - - 1449. 17. —. 400. 4. —. ditto ditto ditto ordinary sort - - - - - - - - - 3631. 7. 8. 200. 2. —. ditto checkered Red - - - - - - - - - - - 2663. 1. -. 100. 1. —. ditto underpants checkered, and striped Red - - - - - - 1331. 10. 8. 100. 1. —. dittos ditto - - - - - - - - - - - - - - 1361. 14. 8. 50. 1. —. ditto Plain striped - - - - - - - - - - - - - 542. 9. -. 50. 1. –. ditto yarn checkered - - - - - - - - - - - - 257. —. -. 200. 1. —. Chelas fine Red checkered - - - - - - - - - - 1477. 5. 8. 200. 1. —. ditto checkered large - - - - - - - - - - - 1477. 5. 8. 100. 1. –. gingham taffachelas ordinary sort - - - - - - - 907. 17. —. 1000. 1. –. single or 10 Corges Cambays fine according to 25 Handkerchief patterns - - - - - - - - - - - - - - - 1378. 8. —. 40. 1. –. Guineas common bleached - - - - - - - - - - 350. 1. 8. 240. 3. –. Salempores ditto Raw - - - - - - - - - - - 926. 11. —. 1. Various linens - - - - - - - - - - - - - 2026. —. –.– 718. Packs altogether, costing - - - - - - - - - - ƒ 499223. 10. 8. 148514. -. lb: — Caliatour wood - - - - - - - - - - - - - 4710. 13. 8. 6084. -. pieces - . ashlar stone works - - - - - - - - - - - - - - 1937. 17. —. 686. -. lb: -. kapok seeds 8 Bags - - - - - - - - - - - - - - 14. 11. 8. Various earthen pots, pans, trestles etcetera For His High Honour - - - - - 24. 9. — Various unusable goods - - - - - - - - - - —. —. –. grey and dust of spices - - - - - - - - - - - - - - —. —. —. unusable large steelyard sewn in gunny and marked ee - - - - - - - - - - - - - - —. —. —. —: order parcels and small boxes to the Noble High Indian Government - - - - - - - - - - - - - - —. —. — Total - - - - ƒ415911. 1. 8. First Assignment No. 10. bookkeeper

Dutch transcription

on peesent Pakken 350. Pakken per Transport met - - - - - - - - - - - - ƒ 191078. 6. 8. 217. 12. 8. 1. —: gingam of zeijldoek fijn gebl: de 24. cob:s - - - - - - - -„ 50. of 5909: 2. –. 800 lb 4. —. Chelassen fijne roode geruite - - - - - - - - - - - „ 1771. 18. 8 2. –. Chilsen fijne geschilderde - - -- 120. „ 8. —. Enkelde of 48 corgies Cambaijen fijne na 25 Neusdoe„ 1920. „ 9287. –. –. „ „ken monsters - - - - x 7800. „ 13. –. enkelde of130 Corg:s Cambaijen fijne na2 NNeusdoeken„ 28561. 18. — monsters - - - - - - - - - - - - - - -„ 3520. „ 22. –. Cambaijen Ruwe Roode - - - - - - - - - „ 10200. 6. —. 6. –. Guinees gemeen Ruw - - - - - - - - - - - „ 2050„ 16. —. 240. „ 59. —. d:o do gebleekt - - - - - - - - - - - - „ 21666 „ 3. 8 2360. „ 1120. „ 28. –. d:o bruin blaauw - - - - - - - - - - - „ 16304. 14. -. 300. „ 3. —. Salemp:s fijn gebleekt - - - - - - - - - - - - „ 1849. 14. —. 160. „ 2. —. d:o gem: d:o - - - - - - - - - - - - „ 769. 14. 8. 2480. „ 31. —. d:o bruin blauw - - - - - - - - - - - - „ 14211„ 6. 8. 862. 15. 9 1325. 6. 8. 3083. 7. 8 1120. „ 7. –. d:o bruijn blaauw - - - - - - - - - - - - - - „ 600. „ 6. –. Moeris d:o d:o 4402. 7. 8 200. „ 2. –. bethilles ternatanes gebleekte - - - - - - - - „ 1164. 13. 8. 1687. 10. 8. 300. „ 3. -. d:o bruijn blaauw - - - - - - - - - - - - - - „ 100. „ 1. –. Neusdoeken fijne roode - - - - 1401. 11. -. „ - 400. „ 4. –. gingam taffa Chelassen extra fijne - - - - - - - - „ 6765. 6. -. 300. „ 3. -. d:o d:o d:o fijne verbeterde stoffen - - - - - - - „ 4349. 11. -. 3631. 7. 8. 400. „ 4. —. d:o d:o d:o ordinair zoort - - - - - - - - - „ 293. 17. - 100. „ 1. -. d:o drongain - - - - - - - - - - - - - - - „ 2. —. Chelassen fijne Roode geruite - - - - - - - - - - - „ 2954. 11. - 400. „ 1280. „ 8. - . lambaijen Ruwe d:o - - - - - - - - - - - - „ 3709. 4. – 3200. „ 80. –. gui:s gemeen gebleekt - - - - - - - - - - - - „ 24176. 9. 11. —. Salomp:s d:o Ruw . - - - - - - - - - - - - - - - „ 3320. 3. 880. „ 720. „ 160. „ 2. -. d:o bruijn blaauw - - - - - - - - - - - - - - - „ 847. 3. 250. „ 10. —. Roijgevellen schoongemaakte - - - - - - - - - - - - - „ 556. 5. - 300. „ 5. -. monteerings Rocken - - - - - - - - - - - - „ 7127. 4. - 160. „ 2. –. bafflas bruijn d:o - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 400. „ 2. –. parcallen fijn gebl: - - - - - - - - - - - - - „ 9. -. d:o d:o gebl: . . . . . . . - - - - - - - - - - - - „ 2886. 13. 2. –. wille manshomden - - - - - - - - - - - - - - - „ - 364. 13. 8 2000. „ 2. —. d:o Broeken - - - - - - - - - - - - - - - . . „ 2160. –. 8 „ 1500. „ 695: Packen, die Transporteere met - - - - - - - - ƒ 384948. 13. 8 ... .. . . . . „ 237. Packen Peesen kisten. p:s 947. 26148.¼. lb: 695. -. Packen Per Transport met - - - - - - - - - - ƒ 384948. 13. 8. 200. of. 2. –. Neusdoeken fijne Roode - - - - - - - - - - - „ 2803. 2. 8. 100. „ 1. —. gingam taffa Chelassen Extra fijne - - - - - - - - „ 1691. 6. 8. 100. „ 1. –. d:o d:o d:o fijne verbeterde stoffe - - - - - - - „ 1449. 17. —. Jul 4. —. d:o d:o d:o ordinaire zoort - - - - - - - - - „ 3631. 7. 8. bank 2663. 1. -. 1331. „ 10. 8. 100. „ 1. —. d:o onderbroeks geruite, en gestreepte Roode - - - - - - „ 1361. 14. 8. 50„ 1. —. d:o Effene gestreepte - - - - - - - - - - - - - „ 542. 9. -. 50. „ 1. –. d:o gaarne geruijle - - - - - - - - - - - - „ 257. —. -. 200. „ 1. —. Chelassen fijne Rorde geruijten - - - - - - - - - - „ 1477. 5. 8. 200. „ 1. —. d:o gerwijle groote - - - - - - - - - - - „ 1477„ 5. 8. 100. „ 1. –. gingan taffa, Chelassen ordinaire zoort - - - - - - - „ 907. 17. —. 1000. „ 1. –. enkelde of 10 Corg:s Cambaijen fijne na 25 Neusdoe„ „ken monsters - - - - - - - - - - - - - - - „ 1378. 8. —. 40. „ 1. –. gisinees gemeen gebleekt - - - - - - - - - - „ 350. 1. 8. 240. „ 3. –. Salomp:s d:o Ruw - - - - - - - - - - - „ 926. 11. —.tu 1. Diverse lijwaaten - - - - - - - - - - - - - „ 2026. —. –.– 718. Pakken te zaamen, kosten - - - - - - - - - - ƒ 499223. 10. 8. 148514. -. lb: — Calliatour houten - - - - - - - - - - - - - „ 4710. 13. 8. 6084. -. p:s - . arduijne steen werken - - - - - - - - - - - - - - „ 1937. 17. —. 686. -. lb: -. kapok pitten 8 Zakk: - - - - - - - - - - - - - - „ 14. 11. 8. Diverse aarde potten, pannen, tressellen etc:a Voor zijn Hoog Edelheijd - - - - - „ 24. 9. — Diverse onbequame goederen - _ _ - - - - - - - - - - „ —. —. –. grijs en stof van specerijen - - - - - - - - - - - - - - „ -onbequaame evenaar groote in goenij benaaijt en gemert ee - - - - - - - - - - - - - - „ —. —. —. —: bestel pakjes en kasjes aan de Edele Hooge India„ 100. „ 1. —. d:os d:o - - - - - - - - - - - - - - „ 400. „ 200. „ 2. —. d:o geruijte Roode - - - - - - - - - - - „ „sche Regeering - - - - - - - - - - - - - - „ —. —. — Somma - - - - ƒ415911. 1. 8. Waar Eerste Assignatie No. 10. lren 1 te A tig 14 in 0 1 de 781 —. —. —. - - p:s 1. 15. „ 160. „ -. .8. 13. 8 7. 8 7. 8. 6. 8. 5.8. 6. 8. 8. El9: boek houder

NL-HaNA_1.04.02_3569_0138 view scan ↗

English

Wherewith, wishing Heaven's richest blessing upon your High Noble Lordships' illustrious persons and the precious interests of the Company, we have the honour to remain with all respect and high esteem. Underneath stood: Right Noble, Right Honourable, Far-ruling Lord, and Noble Sirs, your High Noble Lordships' humble and obedient servants. Was signed: Reynier Jan van Vlissingen, P. J. Formieur, J. E. G. Haselman, S. Mossel, P. E. van Halm, J. J. Simons, M. Stoffenberg, and Frederik Willem Bloeme. In the margin: Nagapatnam, in the Castle, the 15th of October Anno 1780. Lower down stood: P.S. The aforementioned children of the former Lieutenant of the Moors, Assan Nina Paut, we have excused again from the journey to Batavia on account of indisposition. But on the other hand, we have permitted the former gunner Paulus Josephus Kerkenberg to travel over to the Indian capital on the private bark De Hoop. After this had been sufficiently prepared, we received via Ceylon your High Noble Lordships' highly respected missive of the 27th of July of this year, accompanied by the requisition and returns Pro Patria in the year 1781, from which we shall shortly dispatch the necessary extracts to our subordinate factories. J. A. Bronsveld, First Clerk. Agreed. First Assignation No. 10. Bookkeeper Collated by No. 7. Offered on the date of 20th of October 1780 Copy of the letter from Cormandel to Their High Noble Lordships at Batavia per the bark De Hoop under For Amsterdam First Assignation No. 10. Bookkeeping Copy 238. Register of such letters and papers as are this day, in all reverence, presented to His High Noble, Right Honourable, Far-ruling Lord, Reinier De Klerk, Governor General, and the Noble Sirs, Councillors of the Dutch Indies, etc., etc., etc., per the private bark De Hoop, by the Noble and Stern Sir Reinier van Vlissingen, Governor and Director of this Coast of Cormandel, with the jurisdiction thereof, together with the Council; namely: from First Assignation No. 10. Bookkeeper Copy 238. Register of such letters and papers as are this day, in all reverence, presented to His High Noble, Right Honourable, Far-ruling Lord, Reinier De Klerk, Governor General, and the Noble Sirs, Councillors of the Dutch Indies, etc., etc., etc., per the private bark De Hoop, by the Noble and Stern Sir Reinier van Vlissingen, Governor and Director of this Coast of Cormandel, with the jurisdiction thereof, together with the Council; namely: from First Assignation No. 10. Bookkeeper No. 1. Original general missive directed this day to the highly aforementioned Their High Noble Lordships by the Governor and Council. 2. Duplicate of the general missive to and from the same, dispatched under date of the 15th of this month per the ship Hoorn. 3. A further duplicate of the general missive as above. 4. A packet of duplicate secret missives, also written as stated. 5. Duplicate letter directed to the highly esteemed Their High Noble Lordships by the Captain Engineer De Veije. From the Trade Office 6. One duplicate invoice of the linens sent from this Government per the ship Hoorn, annexed to the short invoice. From the Secretariat No. 7. An original duplicate bill of lading of the said cargo. 8. Duplicate expense accounts of what was furnished to the ship Hoorn at Nagapatnam. 9. Duplicate bill of lading of the private linens which have been sent to Batavia per the ship Hoorn. 10. Ditto bill of lading of the private linens which have been laden for Batavia in the bearer of this. 11. Seven invoices of those linens bound together. First Assignation No. 10. Bookkeeper Nagapatnam, in the Castle, the 20th of October Anno 1780. Was signed: J. A. Bronsveld, First Sworn Clerk. Batavia To His High Noble Lordship The Right Noble, Right Honourable, Far-ruling Lord Reinier De Klerk, Governor General, and The Noble Sirs, Councillors of the Dutch Indies, etc., etc., etc. Right Noble, Right Honourable, Far-ruling Lord and Noble Sirs, Both via Ceylon and Madras, we had the particular honour on the 14th of February and 14th of June of this year First Assignation No. 10. Bookkeeper to receive your High Noble Lordships' highly esteemed letters of the 5th and 16th of November 1779, as well as the 28th of March 1780; on which we deliberated on the 19th of August last, in order to be able dutifully to answer them according to order. However, because the matters treated therein relate only to our autumn advices of anno 1778 and spring reports of 1779, we judged it best, in order to avoid all errors, to arrange our humble reply to them separately, without making the least mention herein of the letters received from Your High Noble Lordships since then or with the arrival of the ships this year: which we hope will be favorably approved. And proceeding now to the reply in that expectation, we thank your High Noble Lordships in the first place for the acknowledged receipt of our submissive letters dated the 19th of January, 8th of February, May, and 4th of July 1779. We have learned with joy from Your High Noble Lordships' first-mentioned letter that your High Noble Lordships have remained satisfied with the report given by the Mintmaster Duijnevelt and associates, since deceased, regarding the three-fold question of the Gentlemen Majors concerning

Dutch transcription

Waar meede na toe wensching van s hamels met den zegen, over uwe Hoog Edelheedens illustre fer„ „zoonen, en de dierbaare behangens van de Compagnie„ wijons de Eere geeven, met alle eerbied hoog agting te blij„ „ven. /onderstond:/ Hoog Edele Groot Agtbaare wijdgebieden„ „den heere, En Wel Edele Heeren uwe Hoog Edelheedens on„ „derdanige en gehoorsame Dienaaren /:was geteekend:/p heij„ „nier Jan Vilssingen, P: J: Pormieur, J: E: G Haselman „ s: Massel P: E: van Halin „ I: I: Simons, M: Stoffenberg, en Frederik Willem Bloeme /: Jnmargine:/ Nagapatnam Jn't Casteel den 150 cto„ „ber Anno 1780. —. /:Lager stond:/ P: S: de opgemelde kinde„ van den oud luijtenant der Mooren Assan Nina Paut hebben wij uij hoofde van indispositie, weder van de reijze na batavia geecuseert. Dog daar en tegen hebben wij aan den geweesen Gennist Paulus Josephus kerkenberg gepermiteerd om maet de particuliere bank de hoop na de Jndiasche hoofdplaatsche te moogen over van Na dat deezen genoegzaam en geraedheijd gebragtwas hebbe wij over Ceijlon ontvangen uw HoogEdelheedens zeer g:' eerde miet „sive van den 27. Julij dee zes Jaars verzeld zijnde van den eijsch en retouren Pro Patria en den Jaare 1781. waar van wij Eerst daag de noodige Extracten na onze onderhoorige factorijen Expidieer zullen J A: Bramveld. Ey Clercq Accordeerd ƒ Eerste Assignatie No. 10. e bock kouden heg: Gecollationeerd c „ „ door No. 7. dato 20=e October 1780 Aangebooden Copia Biev van Cormandel Aan Haar Hoog Edelens e Te Batavia Per de Barcq de Hoop onder Voor Amsterdam Eerste Assignatie No. 10. 80 ren - boek houden Copina 238. Register van zoodanige Brieven en Papieren, als op heeden aan zijn Hoog Edelen Groot Agtbaaren wijdge„ bieden den Heere. — Reinier De Klerk; Gouverneur Generaal, en de wel„ Edele Heeren Raaden van Ne„ derlands Indie Etc: E te Eti: per de Particuliere Bark De Hoop in allen eerbied werden aangebooden, door den Wel Edelen Gestrengen Heer Reinier van Vlissingen, Gouverneur en Directeur deezer Custe Cormandel, met den Resorte van dien, Neevens den Raad; Namentlijk: van Eerste Assignatie No. 10. en kegt. boekhouden Copia 238. Register van zoodanige Brieven en Papieren, als op heeden aan zijn Hoog Edelen Groot Agtbaaren wijdge„ bieden den Heere. — Reinier De Klerk. Gouverneur Generaal, en de wel„ Edele Heeren Raaden van Ne„ derlands Indie Etc: E te Eti: per de Particuliere Bark De Hoop in allen eerbied werden aangebooden, door den Wel Edelen Gestrengen Heer Reinier van Vlissingen, Gouverneur en Directeur deezer Custe Cormandel, met den Resorte van dien, Neevens den Raad; Namentlijk: van Eerste Assignatie No. 10. lleren Regt. boek houden N=o 1. Origineelen gemeene missive aan Hoog Welmelde Haar Hoog Edelens door den Heer Gouverneur en Raad op hee„ den gerigt werdende. 2. Duplicaat Gemeene missive aan en van alseven onder dato 15:e deeser per het schip Hoorn afgevaardigd. Een nadere Duplicaat Gemeene missive als Even Een Pakket duplicaat Secreete Missives, almeede als gesegd beschreeven. „ Duplicaat Briev door den Capitain In„ genieur de veije aan Hoog gedagte Haar Hoog Edelhee dens gerigt— Van 'T Negotie Comptoir 6. Een P:s Duplicaat Factuur van de verzon„ Van Het Secretarij „dene 4. 5. 889. d:o 10. dene Lijwaaten per het Schip Hoorn van dit Gouverne„ ment, annex de korte Factuur N=o 7. Een Origineel Duplicaat Cognoiscement van gemelde lading Duplicaat onkost Reekeningen d:o van 't verstrekte aan 'T schip Hoorn te Nagapatnam Duplicaat Cognoiscement van de particúliere Lijwaaten, welke per het schip Hoorn na Ba„ tavia verzonden zijn. d=o Cognoiscement van de Particu„ „liere lijwaaten welke in bren„ ger deeses voor Batavia afgelaaden zijn. — 11. Seeven stuks Factuuren van die Lijwaa„ ten bij elkanderen inge„ bonden Eerste Assignatie No. 10. hebberen Comp gou „ba „ „ „ houden „ 8. „ Nagapatnam In't Casteel den 20. Octo„ „ber Anno 1780. /: was geteekend:/. J: A: Bronsveld Eerste Geswr: Cercq „bonden. — Hagelaen Alen Batavia Aan zijn Hoog Edelhend Den Hoog Edelen Groot Agtbaren Wijdgebiedenden Heere Reinier De Klerk. Gouverneur Generaal en De wel Edele Heeren Raaden van Nederlands Jndia &a. &a. &a. Hoog Edele Groot Agtbare wijdgebebenden Heere en Wel Edele Heeren Zoo over Ceijlon als Madras, hebben wij op den 14.' Februarij en 14e. Juni dezes Jaars, de bij zondere Eerr gehadt Eerste Assignatie No. 10. lelleren sche. e ter zulx Ba boekhouden gehaalt te ontfangen uw Hoog Edelheedens Hoog gee „te brieven van den 5: en 16:e November 1779. mitsga„ „ders 28: Maart 1780; waar over wij op den 19:e Augustus jongstleiden gebesoigneerd hebben, om die schuldplig„ „telijk na de ordre te kunnen beantwoorden. — Dan wijl de zaaken daar bij verhandeld, maar al„ „leen relatie hebben tot onze najaarsche advisen van anno 1778. en voorjaarsche berigten van 1779. hebben wij tot vermijding van alle abuijsen best geoordeeld onze nedrige rescriptie op dezelven apart in te rigten zonder in deezen het minste gewag te maaken van d brieven sedert, of met de aankomst der Scheepen in dit Jaar van Hoog dezelven ontvangen: Het geen r hoopen dat gunstig zal worden geapprobeerd.— En in die verwagting tans ter rescriptie overgaande bedanken wij uwe Hoog Edelheedens in de eerste plaatsche voor den bedeelden ontvangst van onze sul „misse brieven gedaleerd den 19: Januarij 8: Februarij Maij en 4:e Julij 1779. Wij hebben met blijdschap, uijt Hoog der zelver een „gemelden brief vernomen, dat uwe Hoog Edelheedens zig voldaan gehouden hebben, met het berigt door den sedert overleeden Muntmeester Duijnevelt C: S: g „geven of de drieledige rage der Heeren Majores aan gaande

NL-HaNA_1.04.02_3569_0151 view scan ↗

English

concerning the minting of Pagodas and fanums, and we hope that the Master Directors, to whom Your Right Noblenesses have deferred the final disposition on that matter, will also be pleased to conform thereto. In order to see at a glance what employment has been made of the sloops and vessels on this coast, we have, according to Your High demand, requested the Honorable Chief Administrator henceforth to have clearly noted in the Annual Memoranda of the Company's vessels available here, besides the provisions that have been made to them, also the voyages and trips that each vessel has made in that year. And since we trust that Your High demand will thereby be completely satisfied, we very humbly thank Your Right Noblenesses for the passed write-off of the 12 bolts of Sailcloth and 2 pieces of old Cable ropes purchased by the Master of the Equippage in the year 1778 for the account of the Company; as well as for the passing of the expenses incurred for repairing the defects of the Pantjalling de goede verwagting and the Thonij de Johanna Maria, together with those incurred for making a new Sent-sling, amounting together to ƒ 5275: 5: 8. And First Assignment No. 10. 1783 Chief bookkeeper And while we in the same regard also express our humble gratitude for the permitted writing-off of the entire amount of the expense accounts of sloops and vessels to ƒ 25545: 9:, we assure Your Right Noblenesses that we shall always be attentive to observe a proper economy with respect to this expense item. It has been rightly remarked by Your Right Noblenesses that the price of 23 pagodas for two old Cable ropes was stated erroneously in our letter of 19 January 1779, because truly that much was paid for each rope. Then we humbly beg Your Right Noblenesses' excuse for this error; while we inform Your High selves that this year we again had to decide upon the purchase of five similar cable ropes at 23 pagodas apiece, to be used for picking oakum for the caulking of the ship de Triton and our vessels, as can be seen further in our Resolutions of 11 August and 11 September; to which we reverently refer, both with regard to this purchase and that of 5 barrels of tar. Under the main head of Purchases, truly the collection of linens on this coast constitutes the foremost article; upon which, along with Your Right Noblenesses, our attention also constantly remains fixed. And And accordingly we shall also continuously apply our best efforts to make it more abundant; by exhorting from time to time the chiefs of our subordinate Factories to observe their duty in this regard, consisting in ensuring a complete satisfaction of the annual petitions for Europe and the Indies. Yet however much we have already recommended this to them, they have flattered us from year to year with a vain hope that their merchants would fulfill the deliveries assigned to them; without that ever having been fulfilled. Those merchants knowing in the end always how to bring forward one pretext or another, by which as it were a great hindrance to the collection has been caused. Especially the Negapatnam merchants knowing how to make masterly use of such exceptions, as the collection for the year 1779 has shown, when, of the 881 bales demanded for Europe and the Indies, they delivered 276 packages too few. How it will turn out with the present collection for the year 1781 is as yet unknown to us; we do not only expect little improvement from it, however, but fear moreover that from Palleacatta and Sadras the limping horse, as they say, will also bring up the rear; especially as the chiefs as well as the merchants now have a wide field to write everything off simply to the invasion of Haidar Ali. Because, in order to speak of this with certainty, we must first await the reports of the chiefs regarding the concluded collection, accompanied by the final accounts of the merchants, we request permission to be allowed to postpone the report for that length of time. We have meanwhile, by our letter of the 4th of September last, informed the Sadraspatnam chiefs of the rightful displeasure conceived by Your Right Noblenesses along with us, over the improper actions of the previous chiefs in contracting out the Demands to the merchants for the year 1780, and the advances made to those merchants thereupon, and at the same time recommended them to pay somewhat more regard to the orders and commands that we shall give them, threatening our displeasure upon finding the contrary. The undersigned Governor has, by his secret letter of 15 October 1779, informed Your Right Noblenesses of the reasons why we have not [illegible] the complaints made by the former chief of Sadraspatnam, the merchant Blaaukamer, in the year ƒ

Dutch transcription

241 „gaande het munten van Pagooden en fanums en wij hoo„ „pen dat de Heeren Mesters aan wien uwe Hoog Edelhee„ „dens, de finaale dispositie op dat stuk hebben gedefereerd gelaaten, zig daar meede ook zullen gelieven te conformeeren Om met een opslag van het oog te kunnen zien, wat em„ „plooij erter deezer kuste van de sloepen en vaartuigen ge„ „maakt is, hebben wij na Hoog derzelver begeerte, den E: Hoofd-administrateur gedemandeert om voortaan bij de Jaarelijksche Memorien van de hier aan handen zijnde Compagnies vaartuigen, behalven de verstrekkingen die daar aangedaan zijn, ook distinct bekend te laaten Htol„ „len de wijzen en togten die elk vartuig in dat Jaar gedaan heeft.— En wijl wij vertrouwen dat hier meede aan Hoog der„ „zelver begeerte volkomen zal voldaan worden, bedanken wij uwe Hoog Edelheedens zeer nedrig voor de gepasseer„ „de afschrijving van de door den Equipagiemeester in anno 1778. voor reekening van de Compagnie ingekogte 12 vel„ „len Zeildoek en 2: p:s oude Cabel touwen; gelijk meede voor het gepasseeren der gedaane ongelden tot verhelsing van de gebroeken aan de Pantjalling de goede verwagting, ende Thonij de Johanna Maria, mitsgaders van die wel¬ „ke gedaane zijn, tot het aanmaken van een nieuwe Sentsleng te zaamen bedragende ƒ 5275: 5: 8::— En Eerste Assignatie No. 10. bberen 178 3 heq: boek houder) En terwijl wij in zelver oegen, almeede onze nederige versclij „ting betuigen, voor de gepermitteerde afboeking van het geheel bedragen der onkost reekeningen van sloepen en vaartuigen tot ƒ95 ƒ25545:9:; verzekeren wij uwe Hoog Edelheedens, dat wij steeds attent zullen weezen om met opzigt tot deezen last post een betamelijke menagie te betragten. — Geregt is door uwe Hoog Edelheedens geremarqueerd, da de prijs van 23: pagooden voor twee ude Cabeltouwen, bij onzen brief van den 19: Januarij 1779. abusive gesteld is, want er waarlijk zoo veel voor elke touw is betaald geworden Dan wij waagen uwe Hoog Edelheedens nodrig ex„ „cus wegens dit abuis; terwijl wij Hoog dezelve bedeelen, dat wij van dit Jaar, wederom hebben moeten besluijten tot het inkoopen van vijf soortgelijke cabeltouwen, voor„ 23: poegooden het stuk, om gebruijkt te worden tot het plukken van werk, tot Calfaating van het schip de Triton en onze vaartuigen, gelijk zullks nader te zien is, bij onze Re„ „solutien van den 11: Augustus en 11e September; waar aan wij om zoo wel met betrekking tot deezen inkoop, als die van 5: vaten teer, reverentelijk gedraagen. Onder het Hoofd deel van den Jnkoop maakt waarlijk da inzaam van lijwaaten, ter deezer kuste het voornaamste articul uijt; waar op nevens uwe Hoog Edelheedens, ook in zo atentie steds gevestigt lijff. En 242 En dienvolgende zullen wij ook geduuriglijk onze beste po„ „gingen aanwenden om die opeilenter te doen worden; door de opperhoofden van onze onderhoorige Factorijen van tijd tot tijd te adhorteeren, tot het betraghten van hunnen pligt in deezen, bestaande in het bezorgen van eene Compleete voldoening den Jaarlijksche potitien voor Europa en in dien. — Dan hoe zeer wij hun dit beroeds hebben gerecomman„ „deerdt, hebben zij ons van Jaar tot Jaar met eene regoot, „sche hoope gevlijdt, dat hunne kooplieden voldoen zouden de hum opogedraage leverancien; zonder dat daar aan nog oijt voldaan geworden is. 714 # Weetende die Marchan deurs op het laast, altoos het een of ander voorwendzel te berde te brengen, waar door quasie een groote verhindering aan den inzaam is te weege gebragt. — Voor al weetende Nagapatnamsche kooplieden zig van diergelijke exceptien mosterlijk te bedienen gelijk den afhoo„ „pen in Zaam voor anno 1079. heeft aangetoond, wanneer zij, op de voor Europa en Indien geeijschte 881. –. fardee„ „len te min geleverd hebben 276. –. pakken. — Hoe het met den presenten in zaam voor het Jaar 1784. afloopen zal is ons tot nog toe onbekend, wij zien er egter niet alleen wijnig verbetering van te gemoet, maar weezen nog daar en booven, dat van Palleacatta en Sadras al„ „meede het kinkende prant /:gelijk men zegt:/ agter aan zal Eerste Assignatie 10. lberen Iu 3 178 heq: boek houden zal komen: vor als u de opperhoofden zoo wel als de koople „den een ruijm veldt hebben, om maar alles op den inval van Haider Ali te Schrijven Van nadien wij, om hier van met zekerheijd te kennen spreeken, eerst moeten afwagten de Berigten van de opper „hoofdoen wegens den afgeloopen in zaam, verzeld van de a „reekeningen der kooplieden, vorzoeken wij verlof het ver„ verslag zoo lang te morgen uijtstellen. Wij hebben intusschen bij onzen brief van den 4:e Zeg „tember Jongstleeden, de Sadraspatnamsche opperhoofde kennis ogegeven van het regtmaatige misnoegen door Uwe Hoog Edelheedens nevens ons op gevat, over de verkeerde ber „delingen der voorige opperhoofden, in het aanbesteeden van de C Eijsschen aan de kooplieden voor den Jaare 178, eede daar op gedaane voor uijtvrstrecking aan die Marchandeurs, en hun teffens gerecommandeerd om wat meerder requart slaan, op de ordres en bevelen, die wij hun geven zullen met bedrijging van onsongenoegen bij bevinding van het tegendeel:— sen ondergeteekende Gouverneur, heeft bij zijnen seer „ten brief van den 15 october 1779, aan uwe Hoog Edelh „dens kennis gegeven van de reedenen waarom wij niet „val hebben, de klagten door het voormaaling opperhoofd van Sadraspatnam den koopman Blaaukamer in anno ƒ

NL-HaNA_1.04.02_3569_0155 view scan ↗

English

243. in the year 1778, lodged with the Government of Madras, concerning the bold and insolent conduct displayed by certain English servants to the detriment of our collection at Sadras, and since these reasons still subsist, we shall, before we address ourselves to this matter, first continue to await Your High Excellencies' further orders regarding it. By letter of the 26th of February last, we informed the Chief Tadama of Your Excellencies' remark concerning the personal hatred borne toward him by the Haweldar; to which he, having justified himself at length by letter of the 1st of September, concludes by saying that since he desires nothing more than a quiet progress of affairs, it naturally followed that he must carefully avoid all paths that could give rise to disputes; and that consequently he not only promised to observe in every respect the rules of a good understanding with that Haweldar, but also, as far as possible, to keep himself out of all faction; and accordingly we hope that Your High Excellencies will be pleased to be satisfied with this assurance of his, the more so because we have since heard of no disputes between them. That our domestic arrangements made in the year 1778 concerning the collective merchants, both by appointing new ones and by reducing their number, have been approved by Your High Excellencies, as well as the penalties applied by us to some chiefs who had behaved somewhat inattentively regarding the procurement of cloth, has given us great satisfaction. We therefore thank Your High Excellencies for this, and also on behalf of the Honorable Head Administrator Dormieux, for so favorably passing over the error committed by him in the distribution of 101 packs of coarse cloth mentioned in a further demand for the year 1778 from Palicol; under the assurance that he will henceforth carefully guard against committing such mistakes. And since Your High Excellencies have likewise been pleased to pass the writing materials purchased at that time for the service of the factories, we hereby also offer our thanks for that. Rightly have Your High Excellencies remarked concerning the sale of merchandise in the year 1778, that although the profits of that year amounted to slightly more than those of the preceding one, there was nonetheless not much to boast of when reflecting upon the prosperity of trade on this coast in former years. 248. former years. However much this decline in trade particularly grieves us, we nevertheless trust that Your High Excellencies will remain fully assured that both here and at our subordinate factories the best efforts are being exerted to give the sale of merchandise a better prospect. But when we shall once see this turn out according to our wishes is still very uncertain. At least we may assume with great reason that the sale of merchandise in this year will turn out even worse than in the year 1779, not only on account of the restless condition in which this country has found itself for some time, but also because for several months we have had a great shortage of nuts and cloves both here and at our factories. Yet since all preliminary estimates are uncertain, we shall, in accordance with Your High Excellencies' desire, omit them both now and in the future, in order thereby not only to prevent all erroneous reports that may arise from too hasty a notion of the good or bad outcome of trade, or of a certain branch of commerce, but also to prevent that henceforth any defective reports in this regard are dispatched by Your High Excellencies (who must rely upon our advices) to the High and Honorable Superior Lords. Regarding the remark made by Your High Excellencies, namely that since in the year 1778 no detriment was caused to the Company's spice trade on this coast by smuggling, the import of spices by Ceylon navigators must have been considerable, unless the ten leagers of cloves brought to Madras in the year 1771 had still operated to the detriment of trade at Sadras at that time. We have the honor respectfully to note that, although we have since heard of no further illicit trade, the Sadraspatnam chiefs nevertheless complained greatly once again in their letter of the 20th of June 1780 about the private import of spices and copper at Madras, especially because those goods were sold there for a lower price than the servants are authorized to dispose of them for, considering that this must cause very great detriment to the sales at Sadras and elsewhere. Yet we cannot assume that the cloves smuggled into Madras in the preceding year operated to the detriment of trade in the following year.

Dutch transcription

243. anno 1778, bij de Regeering van Madras gedaan, over, het assurant en brutaal gedrag, door sommige Engelsche bedien„ „dens tot nadeel van onzen inzaam of Sadras gehouden, en dewijl deeze reedenen als nog subsisteeren, zullen 9 wij, eer we ons hier over advesseeren, gerst daar omtrend de nadere ordere, van uwe Hoog Edelheedens blijven afwagten Wij hebben bij brief van den 26: februarij Jongstleeden, het opperhoofd Tadama kennis gegeven van Hoog der zel„ „ver remarque, omtrent den personeelen haat die den Ha„ „weldaar hem toedrag; waar op hij bij brief van den 1e 8p 7 zig in het breede verantwoord hebbende in het sot zegt „ dat wijl hij niets loever betragt als een geruten woort„ „ gang van zaaken, het naturlijker wijze volgde, dat „ hij alle wegen die aanlijding tot disputen konden geven „zorgvuldiglijk moest vermijden; en dat hij dien volgen„ „de niet alleen beloofde de regels van een goede verstand „houding met dien Naweldaar in allen deelen te obser„ „veeren maar ook zoo veel doenlijk was sig buiten alle „partijschap zou houden; en dienvolgende verhoopen wij „ dat uwe Hoog Edelheedens met deeze zijne verseken „ring genoegen zullen gelieven te noemen, te meer wijl wij sedert van geen disputen tusschen hun iets vernomen hebben Dat onze huijzelijke Schilkingen, in anno 1778, on „trent 3 Eerste Assignatie No 10. No. 10 hebberen che 2. da 178.1 heg: boek houden „trant de gezaamen tlijke kooplieden gemaakt, zoo door h aan stellen van nieuwen als het verminderen van hun geta zoo wel door uwe Hoog Edelheedens geaprobeer geworden zijn, als de door ons geappliceerde penaliteijten omtrent som „nige opperhoofden welke zig wat in attent omtrent de lijwaateprocuure hadden gedraagen; heeft ons zeer ver satisfactie gegeven. Dus wij uwe Hoog Edelheedens dan voor en teffns uijt naam van den E: Hoofd- administra „teur Dormieux bedanken, voor het zoo gunstig passee„ „ren, van het door hem begaan abuis in de verdeeling van 101: pakken grove lijwaaten bij een naderen Eijsch vooran„ „no 1778: van Palicol gewaagd; onder verzekering dat hij zig voortaan voor het begaan van diergelijke fouten zorgvuldig wagten zal. — En dewijl uwe Hoog Edelheedens, teffens hebben gelie„ „ven te passeeren de toen ingekogte schrijfgereedschappen ten dienste van de Comploiren, bedanken wij daar ook voor bij deezen. Teragt hebben uwe Hoog Edelheedens nopens den Verkoop van Handelashaaren in Anno 17 7/86. aan „gemerkt, dat schoon de winsten van dat Jaar iets meer „der bedroegen, als die van het voorige, daar op egter niet veel te roemen viel, wanneer men refleeteer den op den bloeij van den handel ter deezer kuste in voe„ „gere 248. „gere Jaaren. Van hoe zeer dit verval van den handel ons in het bijzon„ „dersmert, vertrouwen wij egter dat uwe Hoog Edelheedens zig volkomen zullen verzekerd houden, dat zoo wel hier als op onze onderhoorige Tactorijen de beste pogingen worden aangewend, om den vertier van koopmanschappen een be„ „ter aanzien te doen krijgen. — Maar wanneer wij hier omtrent eens naar wensch missee„ „ven zullen, is nog zeer onzeker, Ten minsten wij mogen wel, met zeer veel regt veronderstellen, dat den vertier van koopmanschappen in dit Jaar nog slegter als in anno 1729. zal uijtvallen, uijt hoofde niet alleen van de onrustige ge„ „steldheijd waar in zig dit land sedert eenigen tijd be„ „vind, maar ook om dat wij sedert verscheijde maanden zoo hier als op onze Tactorijen een groot gebrek van noo„ „ten en Zoeli gehadt hebben. — Dog wijl alle preababla advisen, onzeker zijn, zullen wij die na de begeerte van uwe Hoog Edelheedens zoo nu als in het vervolg agterwagen laaten, om hier door niet alleen te prevenueeren alle abusive op gave die uijt een al te voorbaarig denkbeeld van den goeden of kwaarden uijtslag van den handel, of van een zekeren tak van negotie kunnen gebooren worden, maar ook voorteko„ „men dat er vortaan dier wrgens geen gebrikige berig„ „ten Eerste Assignatie 10. hebberen 1781 Leq: boek houder) „ten door uwe HoogEdelheedens /: welke zig op onze ad „sen moeten verlaaten:/ werden afgekonden aande Hoor Edele Heeren Susperieuren. Nopens de remarqie door uwe Hoog Edelheedens ge„ # „maakt, namentlijk dat wijler in anno 1778: ter dezzerk „te, geen nadeel aan Comp:s specerij handel was toegebragt d sluijkerijen, den aanbreng van specerijen door Ceijlonsche A „fiquanten al wij aan werkelijk weezen moest, ten waar de anno 1771: op Madras aangebragte tien leggers met na „len, toen nog ten nadeletten den handel of Sadras had„ „der geossereerd. Hebben wij reverentelijk de eere te noteeren, dat scho wij sedert van geen slihik handel meer vernomen hebbe de Sadraspatnamse opperhoofden Zig egter weder bij haar brief van den 20:' Junij 1780; over den particulieren aanbren te Madras van Specrijen en kooper zeer beklagt hebbe voor al wijl die whaaren aldaar voor minder brijs verkogt zijn, als de Bediendens qualificatie hebben die van de hant te zetten; gemerkt hier door zeer veel nadeel vo den vertier op Padras en elders moest worden veroor„ „zagtet. Dog wij kunnen niet veronderstellen dat de in anno voor, op Madras ter sluijk aangebragte na gu„ „len nog in het volgende Jaar ten nadeele van den handel

NL-HaNA_1.04.02_3569_0159 view scan ↗

English

245. have operated trade. At least, we trust that Your Right Excellencies, already from the summaries of the sold merchandise in 1774/5 and 1777/8 sent from here, will have noticed that in the last-mentioned year once again 8900 lb of cloves less were consumed on this coast than in the preceding one. And while, respectfully said, the cause of this cannot well be attributed to the cloves brought to Madras in anno 1777/8, we are, with submission to Your wiser judgment, of the opinion that this reduced consumption must be attributed to the reasons given for it by the Jaggernaikpoeram and Sadraspatnam chiefs in their letters of the 20th and 30th of April as well as the 20th of June last, namely, to the scarcity or lack of nutmegs and mace. We judge at least that from this the reduced consumption of cloves in 1778, as well as the reduced sale of 13549 7/8 lb of nutmegs, and of 40 3/8 lb of mace, has its origin, on the grounds that the merchants do not desire to accept any cloves if nutmegs and mace are not simultaneously supplied to them. To this the Sadraspatnam chiefs also add the private First Assignation 10. hebberen che 2 te 3 1781 chief bookkeeper private importation of spices at Madras, which also took place in 1779, and thus those two reasons in all likelihood account for the reduced consumption of spices in anno 1778 and 1779. Regarding the elucidation requested by Your Right Excellencies concerning the anchor sold in anno 1777/8 with a capital advance, we respectfully note that this anchor, with the prior knowledge of the first signer of this, was delivered by the Master of the Equipage Hartman ter Laen to the vessel of the merchant and First Warehouse Master here, Peracules Mossel, to be accounted for again by him in kind; But because the same was lost due to the stormy weather and the breaking of the rope, the undersigned Governor had the amount thereof paid into the cash chest by the merchant Mossel with a capital advance on top of it, but neglected to have a note kept of it in the Resolutions, for which His Honour ventures to apologize. Under the heading of domains, we meanwhile assure Your Right Excellencies that, according to Your expectation, the leasing of the Company's revenues at Jaggernaikpoeram took place in public on the ultimate of August 1779; as can be seen in more detail 246. in our humble advices of the 22nd of January 1780. Subsequently, we thank Your Right Excellencies in the most humble and best manner for the favorable disposition taken by the same on the request presented by us of the lessee of the mouth of the rivers etc. While we assure Your Honours that we shall not fail to collect the sum remitted to him from those persons who must participate therein, according to what was noted in the Governor's separate letter of the 15th of January 1779. With the greatest justice Your Right Excellencies have expressed Your displeasure over the incorrect statement of the amount of the Domains for the past years. The Secretary of this assembly, being sensitively affected by this, takes the liberty to ask Your Honours in the most humble manner for pardon on account of the aforementioned erroneous statement, which was caused in 1781 by his having entrusted the filling in thereof to another. Which grieves him to the utmost; because he could have prevented this by either filling in those entries himself or revising them afterward; as will henceforth be done carefully by him. Concerning the recommended prompt collection of the arrears of the merchants, we assure Your First Assignation 10. hebberen de de che bookkeeper E29: Right Excellencies that we from time to time urge the chiefs in the most serious manner to attend to a prompt collection of the outstanding funds. Although this will not yet be able to happen at Portonovo and Palicol as smoothly as we could wish, the Jaggernaikpoeram chiefs only request for that purpose that it may please Your Right Excellencies to have credited by Memorandum hither such moneys as were paid into the Company's cash chest by the merchants' authorized agents at Batavia for freight of the piece goods sent thither by them in anno 1776 and 1777; which request we favorably recommend, on the grounds that Your Right Excellencies have permitted that those freight moneys should serve to clear their debt. Meanwhile, we respectfully thank Your Right Excellencies under the heading of monetary affairs for the bar silver sent for the service of this Government with the ship the Vrouwe Maria Jacoba to Ceylon and from there hither. And we also communicate under that of Fortifications and buildings that the Company's garden with the house standing therein at Palliacatta was, pursuant to the authorization obtained, publicly auctioned and sold on the 17th of April last for old pagodas 467. For

Dutch transcription

245. handel hebben geoereerd. — Ten minsten wij vortrouwen dat uwe Hoog Edelheedens bereds uijt de van hier overgezonde Sommaruims der verkog„ „te koopmanschappen in 101 ¼ en 177 7/., wel zullen heb „ben ontwaart, dat er in het laastgemelde Jaar alweeder 8900. —. lb: nagelen minder ter deezer kuste verteerd zijn als in het worge. En wijl met eerbied gezegt, de oorzaak hier van niet wel kan worden toegeschreeven aande in anno 1077 ol Madras aangebragte nagelen, zijn wij, met onderversing aan Hoog derzelver wijzer oordeel, van gedagten, dat dien minderen vertier moet worden toe geschreeven aan de daar van gegeve redenen door de Jagger naikpoeram en Sadraspatnamsche opperhoofden bij haare brieven van den 20 - en 30. April mitsgaders 20 Junij Jongstleeden, nammentlijk, aan schaarsheijd of gebrak aan nooten en foeli: Wij ordeelen ten minsten, dat hier uijt den ver„ „minderden vertier van nagelen in 1778., zoo wel als den ver minder den verkoop van 13549: 7/8. lb: nooten, en van 40 3/8 lb: foeli, zijn oospronk heeft, uijt hoofde de koop„ „lieden geen nagelen begeeren te accepteeren zoo aan haar niet teffens mooten en foeli wordt bezorgdt. Hier bij vagen de sad aspatnamsche opehoofden nog den part„ „culieren Eerste Assignatie 10. hebberen che 2 te 3 1781 heq: boek houder) „culieren aanbreng van specerijen op Madras, dat ook in 1779. heeft plaats gehadt, en dus maaken die twee reede„ „nen naar alle waarschijnlijkheijd uijt, den verminder„ „den vertier van specerijen in anno 1778. en 1019. — Nopens de door uwe Hoog Edelheedens begeerde elucidatie, wegens het in anno 171 7/8. met een Capitaal avans verkogte anker, noteerende wij met eerbied dit an„ „ker met voor kennis van den eersten Teeken aar dee zes, door den Equipagiemeester Hartman ter laen is afgegeven geworden aan het vaartuig van den koopman en Eerste Pakhuijsmeester alhier Peracules Mossel, om wede„ „vom door hem in natura verantwoord te worden; Maar wijl het zelve door het onstuimig weer en het breeken van het touw verlooren geraakt is, heeft don ondergeteekende Gouverneur het bedraagen daar van, door den koopman Mossel in kassa laaten tellen met een capitaal avans daar en boven, dog verzuijmd er aan „teekening van te laaten houden bij de Resolutien waar„ over zijn Ed:e excus waagd. Onder het hoofddeel der someijnen, verzekeren wij inmiddam uwe Hoog Edelheedens, dat na Hoogder „zelver verwagting de verpagting van Compagnies Re „vennen op Jaggernaikboeram onder ult:o aug:o 1779. in het openbaar geschied is; gelijk nader kan worden be „oogten 246. „oogt bij onze nedrige advisen van den 22: Januarij 1780. Vervolgens bedanken wij uwe Hoog Edelheedens op de „hoog allenludmnbeste wijze voor de gunstige dispositie door daen de zel „ven genomen op het door ons voorgedraagen verzoek van den pagter van de mond der rivierensz: Terwijl wij Hoog dezelven verzekeren dat wij niet in gebreeke zullen blijven, om de hem geremitteerde som in te palman van die gemen, welke daar in moeten pantia, „peeren, volgens het aangeteekende bij s' Gouverneur appan„ „ten brief van den 15:e Januarij 1779. Met het grootste regt hebben uwe Hoog Edelhee„ „dens Haar misnoegen betuijgd over de verkeerde opgave van het bedragen der Domeijnen sedert de laaste Jaaren. — Den Secretaris deezes vergadering, daar van gevoe„ „lig aangedaan zijnde, neemt de vrijheijd, Hoog dezelven op het allerootmoedigste om excuus te vraagen, wegens de voorschreeve abusive opgave, die veroorzaakt zijn 1781 door dien hij het invullen daar van een ander hadt toe¬ „betrouwt. Dat ham ten uijtersten leet doet; wijl hij zulks hadt kunnen voorkomen, door die posten of zelfs in te wul„ „len, of naderhand te revideeren; gelijk voortaan door hem zorgvuldiglijk zal worden gedaan. Betreffende de gerecommandeerde spordige inpalming der Agterstallen van de kooplieden . verzekeren wij Uwe Hoog Eerste Assignatie 10. hebberen de de che. boek houder E29: Hoog Edelheedens, dat we de opehoofden van tijd tot tijd de allereronstigste wijze aanspooren om een spoedige in pal van de uijtstaande gelden te bezorgen. Eer schoon dit op Portonovo en Palicol nog niet zoo „lijk zal kunnen geschieden als wij wel wenschen, verzoeke de Jagger naik poeramsche opperhoofdens daar toe slegts da het uwe Hoog Edelheedens behaagen mag bij Memori herwaarts ten goede te laaten brengen zoodanige gldonn door der kooplieden gemagtigdens op Batavia, in Compag„ zyn „nies kasse geteld ^ voor ragt van de door haar in anno vo„ en vor7: derwaarts versonde lijwaaten welk verzoek wij gunstig voordraagen, uyjt hoofde uwe HoogEdelheedens hebben toegestaan, dat die wragt penningen tot verevrni van hunne schuld zouden dienen.— Ondertusschen bedanken wij uwe Hoog Edelheeden onder het hoofddeel van geld zaaken reverentelijk, voor h bhaar zilver ten dienste van dit Gouvernement met schi„ de vrouwe Maria Jacoba na Ceijlon en van daar herwine gezonden. En Communiceeren teffens onder dat van Fortificatioe en gebouwen, dat Compagnies tuijn met het daar in staand huijs te Palliacatta ingevolge de erlangde qualificatie op den 17. April Jongstleeden publicq ofgevild en verkogt og„ „worden is, voor ou de pagooden 467:— Voor

NL-HaNA_1.04.02_3569_0163 view scan ↗

English

247. For the granted authorization to rebuild the collapsed main walls of both faces of the city bastion Geldria for the calculated sum of pagodas 3206: we offer our humble thanks; while we request that the counting error of 200: pagodas that crept into that calculation may be passed for write-off, as well as the authorization granted by us by resolution of 19 August last, on the basis of a certain report submitted at our session of 22 July by the provisional surveyors Swarts and Saalfelt, for the demolition and rebuilding of the wall of the right flank of the aforementioned bastion Geldria over a length of 90: feet for the calculated sum of pagodas 196: 7: 63:, because the bad condition of that wall, which threatened to collapse, obliged us thereto, as further appears from the verbal report made to us on the aforesaid 19 August by Major Hazelman and the merchant Mosel, whom we had requested to investigate the condition of that wall. Likewise we thank Your Honors for the approved write-off of the expenses incurred on this coast for carpentry and repairs in the book year 1777/78 to a sum of ƒ 40764: 19: 8. That the increased sum of those expenses was said to have had its origin solely in the extraordinary carpentry of the Nagapatnam Government, as stated in our letter of 19 January 1779, is, we confess, an incorrect statement, for it should have been stated therein that the cause of that considerable increase was for the greatest part attributable to the extraordinary carpentry that was done in that year on the Nagapatnam Government by special authorization of Your Honors, as that alone had amounted to ƒ 124755: 9: —; for if the said entry had been detailed in such a manner, no contradictory statement would have been found in it, as has now to our regret been discovered, through the unfortunate omission of the words for the greatest part. Since Your Honors have been pleased to consent to the annual payment of 25 pagodas to the present possessor of the powder drying ground, on which the Company's gunpowder is dried, for keeping the same in good condition, we shall have that money paid to him annually from the treasury. While we subsequently, upon Your Honors' remark that it had been in our power at the sale of the gunpowder mill with its house to dispose of the drying ground belonging thereto to the greatest advantage of the Company, took the liberty to submit with all respect that, at the sale of the gunpowder mill with the house belonging to it, we could not keep that drying ground separately for the Company; because the same is paved right in the middle of the land on which the gunpowder mill with its adjoining rooms is built, as it would have been entirely inconvenient to the buyer of that mill and land, which was enclosed by a wall, if gunpowder had to be dried thereon. 248. However, this matter has turned out quite for the best, since the Lieutenant and Head of the Artillery Helman, who also has the administration of the gunpowder under his care, became the purchaser of both and thus the present possessor of the gunpowder drying ground. Under the headings of entries and write-offs, as well as charges and discharges, favorably granted by Your Honors to the former Porto Novo Resident Simons, being the write-off of such pagodas 20: 1: - as were disbursed by him at the presentation of His Excellency Van Riemsdijk, of venerable memory, over and above what was previously brought to account; so we take the liberty to thank Your Honors for this on his behalf, and at the same time on our own to express thanks for the approved engagement in service at Porto Novo of another 6 extra peons, who have already been discharged again in the month of June 1779. Next, we also thank Your Honors for the permitted write-off of the following entries, namely: of pagodas 22: 1: ½ on account of paid coolie and boat hire at the dispatch of 433 bundles of Company linens from Porto Novo to Nagapatnam; of ƒ 42: 6: 8 for the loss incurred at the sale of 12 pieces of bleached guinees, which were gnawed through by the white ants in the warehouse here; and of 1076 pieces of gunny bags, which became unserviceable through the conveyance of rice to Palliacat. Pursuant to Your Honors' order, we wrote to the Palliacat chiefs by letter of 26 February of this year that the second Scoffier may make no further claim to reimbursement for the 2 pieces of coir anchor ropes compensated by him: to which order he has promised to conform by letter of the last day of March. And in the confidence that he will comply therewith, we meanwhile thank Your Honors not only for the favorable discharge of the Sadraspatnam chiefs from what was previously charged to them for compensation

Dutch transcription

247. Voor de verleende qualificatie tot het ophaalen van de ingestorte hoofd muuren der beide facen van de stads punt geldria voor de gecalculeerde somma van pr/o: 3206: bedanken wij nedlig; terwijl wij verzoeken dat de bij die Calculatie ingesloope telfout van 200: pagorden, zoo wel ter afschrijving mag worden gepasseerd, als de door ons bij beschuig van den 19. Aug:s Jongstleeden, op fundament van zeker Rapport door de provisioneele landmeetens swarts en saal„ „felt ter onzer sessie van den 22: Julij in gedient, verloon„ „de qualificatie, tot het afbreeken en weder ophaalen van de muur der regter flank van de ofgemelde Gunt Geldria ter langte van 90: vooten voor de gecalculeerde somma van pag: 196: 7: 63:, uijt hoofde de slegte gesteldheijd van die muur, welke dreijgde in te storten, ons daar toe ver¬ „pligt heeft, zoo als nader blijkt uijt het mondeling ras„ „port dat daar van op den voorsz: 19: Aug:s aan ons gedaan is door den Majoor Hazelman, en den koopman Mosl aan wien wij gedemandeerd hadden de gesteltenis van die muur te onderzoeken. — Desgelijks bedanken wij Hoog dezelven voor de ge„ „passeerde afschrijving der ter deezer keuste gedaane on„ „kosten van Temmeragien en Rreparatien in het boek jaar 171 7/6. tot eene somma van ƒ 40764:19: 8:— Van dat de vermeerderde som dier ongedento 122 Eerste Assignatie hebberen che. 1781 53 heq: boek houder) 15: — alleen zijn oospronk zou hebben uijt de extra ordin „re vertimmering van het Nagapatnamsche Gouverne„ „ment, zoo als bij onzen brief van den 19: Januarij 1719 gezegt wordt, is, dit bekennen wij een verkeerde demont„ „tie, want daar bij hadt moeten opzegt geworden zijn, da„ de oorzaak van die Considerable vermeerdering voor het was grootste gedeelte toe te schrijven aan de extra ordinaire vertimmering die er in dat jaar aan het Nagap atwam Gouvernement was gedaan of speciaale qualificatie va uwe Hoog Edelheedens, alzoo die alleen bedraagen had ƒ124755:9:—: want zoo gemelde post zoodanig gedetai„ „leerd geworden was, zou daar in geen Contradictoire opg „ve gevonden zijn, zoo als nu daar in tot ons leet weesen ontdekt is; door het ongelukkig uijtlaaten der woorden voor het grootste gedeelte. Dewijl Uw Hoog Edelheedens hebben gelieven te Con„ „cantoeren in de Jaarlijksche afgave van 25. pagooden aan den tegenwoordige bezitter van de kruijt plaat, waar op kruijt van de Compte. gedroogt wordt, voor het in Staat hoo „den van de zelve, zullen wij dat geld aan hem Jaarlijkkhij casse laaten voldoen. — Terwijl wij vervolgens, op Hoog derzelver remarque „dat het in onze magt geweest was bij het verkoopen „ van de kruijtmolen met dies hulijs, omtrent de d ar toe 3 248. „toe behoorende plaat ten meesten voordeele van de Matschap„ „pij te disporeeren, de vrijheijd namen met alle eride vor te draagen, dat wij bij het verkoopen van de kruijtemoolen met heot daar bij gehoorende suijs, die plat niet af zonderlijk voor de Compagnie hebben kunnen behouden; uijt hoofde dezelve jclist gemetzeld is midden op de grond waar op de kruijtmolen met zijne annexe vertrekken gebouwt is, door dien het den koper van die Molen en grond /: die met een muur omtrosken was:/ gans ongeleegen zou gekomen hebben; zoo daar ofe kruijdt haat moeten worden gedroegt. — p# Dan het is hier omtrent nog al ten besten uijtge„ „vallen wijl den luijtenant en het Hoofd der Arthillerijge Helman, die teffens de administratie van het kruijton„ „der zig heeft van het een en ander kooper en dus den fore„ „senten bezitter van de kruijtplaat geworden is. — Onder de Hoof deelen van In- en afschrijvingen mitsgaders Belastingen en ontheffingen, door uwe Hoog„ „Edelheedens aan den geweezen Gortonovsch Resident Simons gunstiglijk toegestaan zijnde de afschrijving van zoodanige pr/o: 20: 1: - als door hem bij de voorstelling van zijn Hoog Edelheijd van Riemsdijk /: A: L: M: / mier„ „der verguasteerd geworden zijn zijn als daar voor, bevoo„ „vens is op gebragt; zoo neemen wij de vrijheijd Uwe Hoog„ Edelheedens daar voor uijt zijnen naam en toffens eerst Eerste Assignatie 10. thebberen de de che B ik houden boek E29: vert den onsen te bedanken voor de gepasseerde in ienst neeming op Portonovo van nog 6: extra Pions, die bereeds in de maand Junij 1779. weder afgedankt geworden, zijn Vervolgens bedanken wij uwe Hoog Edelheedens nog voor de gepermitteerde afschrijving van de volgend posten naamentlijk: van pag: 22: 1: ½. wegens afbe„ „taalde Coeli-en Chialeng loonen bij afscheel van 433. bondels Compagnies lijwaaten van Portonovo na Nagapatnam van ƒ 42: 6: 8: of het gevallen d „lies bij verkoop van 12: stukgebl: guindes, die op de zaal alhier doorknaagd geworden zijn door de willen „ven; en van 1076: p:s goenij zaken, die onbruijkbaar ge „den zijn, door het overbrangen van rijst na Palliacat Wij hebben ingevolge Hoog der zelver ordre de Pa „lacattasche opperhoofden bij brief van den 26:e Febr „rij deezes Jaars aangeschreven, dat door den secunde scoffier geen aanzaak meer mag worden gedaan op ramboursement van de door hem vergoede 2: p:s kaijer „kertouwen: Nawelke, ordre bij bij brief van den las „ten Maart daar aan belooft heeft zig te draagen. En in vertrouwen dat hij daar aan voldoen zal de „danken wij Hoog dezelven middelerwijl niet alleen de gunstige ontheffing der Sadraspatnamscha, of „hoofden voor de hun bevoorens ter vergoeding op gela de E „de

NL-HaNA_1.04.02_3569_0167 view scan ↗

English

the 8 pieces of broken freestone tombstones, but also for those of 910 lb of gunpowder, for which the officers of the ship 't Veldhoven were debited here in the year 1778. Although Your High Noble Lordships had to observe with regret from the general ledgers of this government of the previous year that the expenditures of that year had exceeded the profits by as much as ƒ14034:15:—, whereby this government, compared to the retrenchment memorandum, had fallen behind by an important sum of ƒ237634:6:4, we nevertheless flatter ourselves with the pleasant prospect that Your High Noble Lordships will have seen with pleasure from the further received general ledgers of the year 1777/8 that their conclusion presented a much more favorable appearance. For in the same, the profits have exceeded the expenditures by ƒ82063:14:—, whereby Coromandel, in comparison with the previous financial year, has advanced by ƒ96098:9:—, originating from an increase in profits of up to ƒ91793:—, or actually, after deduction of the reduction in revenues, ƒ174980:2:8, and a reduction in expenditures of up to ƒ2118:6:8. Which reduction in expenditures we hope Your High Noble Lordships will be pleased to consider as proof of our diligence to bring the expenses of this government, to the satisfaction of Your High Noble Lordships, down to the sum specified for it in the retrenchment memorandum. We have observed with regret that the general summary of the expenditures and charges, together with the profits and revenues, of the aforementioned financial year was not inserted with the required accuracy in our letter of 19 January 1779. For therein, as discovered by Your High Noble Lordships, totals were not calculated on most pages, and moreover, in one place ƒ485700:—:— was stated for the profits determined by the retrenchment memorandum, while 30 pages further on, ƒ46701:5:— was given for that same determination. To discover the origin of these errors, we had the draft of that document kept here further examined; and then found that the sum of ƒ485700:— represented the aforementioned amount in Carolus guilders, and that of ƒ448781:5:— in Dutch currency, just as it must be according to the present calculation. Thus, the first-mentioned amount was entered erroneously. But as for the failure to calculate the totals on several pages, that was caused because the copyists who transcribed that letter were unable to check it against the draft of the general summary; whereby that sloppiness can be attributed to no one other than the collators; for it was their duty to notify the first clerk of those items being left blank, so that they could have been filled in, of which the copyists had no proper knowledge. Yet, although this is so, we nevertheless take the liberty of humbly begging Your High Noble Lordships' pardon for the aforementioned careless conduct, while assuring Your High Noble Lordships that in the future we will take care that such errors are no longer found in our papers. However, regarding the differing statement of the gunpowder in our aforementioned missive, we assure Your High Noble Lordships that the 78760 lb stated there is the actual remainder as of the end of August, and the 75069¼ lb is the true remainder as of the end of November 1778; but the 11320 lb stated for it in the formal requisition for the year 1779 was entered erroneously. Already, on the authorization obtained for that purpose from Your High Noble Lordships, we sent from here to the Netherlands in the month of October 1778 our requisition of European necessities, principally consisting of equipage goods and medicines; and since we have received further permission from Your High Noble Lordships for this, we also request permission to likewise order directly from Europe the necessary provisions of butter, wine cellar tools, etc. We would have immediately, upon Your High Noble Lordships' esteemed instructions, had delivered to the deaconry the capital that was donated by an unknown hand for the benefit of the Lutheran congregation, had we caused the same to be transferred into the Company's treasury; but since the aforementioned capital, as appears from the note in our resolution of 21 November 1778, remained with the deaconry at the request of the church council, no restitution from the Company's treasury needs to take place at present. Because in the year 1778 we permitted a collection to be held here for the benefit of the Lutheran church at Batavia, not only among its co-religionists but also among the Reformed congregation, we beg pardon for this step, in the trust that it will find a favorable excuse when Your High Noble Lordships are pleased to consider that the aforementioned permission was granted at the request of the executors and legacy administrators of the aforementioned church by letter of 28 March 1778.

Dutch transcription

249. „de 8: p:s gebrooke arduijne zarken, maar ook voor die, van 910: lb: buskruijt, waar voor de overheiden van het Schip 't veldhoven in anno 1778. alhier belast gewoorden zijn. Schoon uwe Hoog Edelheedens uijt de Hoofden negotie boeken deezes gouvernements de anno vor /k met leetweezen moesten zien, dat de lasten van dat jaar de winsten wel ƒ14034:15 –. overtroffen hadden, waar door dit Gouvernement bij vergelijking tegen de memo„ „rie van menago veragterd was deene importente somma van ƒ237634: 6:4: flatteeren wij ons egter met dit aangenaam voor uijtzigt, dat Uwe Hoog Edelheeden uijt de nader ontvange Hoofd- en Negotie boeken d' anno 177 1/8 met genoegen zullen hebben gezien, dat het slot derzelven een s favorabler vertooning gemaakt heeft. Want in het zelve hebben de winsten de lasten overtroffen met ƒ82063:14:— waar door Cormandel bij vergelijking tegens het voorige Boekjaar te vooren ge„ „raakt is ƒ 96098: 9:— oorspronkelijk uijt een vermeer„ „dering van winsten tot ƒ91793:—, of eijgentlijk na de„ „tractie der vermindering inkomsten ƒ174980: 2:8:, en een vermindering van lasten tot wel ƒ 2118: 6:8::— Welke vermindering van lasten wij hoopen dat Han„ „dezelven zullen geleven aan te zien als blijken van onzoon Eerste Assignatie 10. hebberen de de sche. zu agt ns boek kouden onze werkzaamheijd om de lasten deezen gouvernements tot ge„ „noegen van Hoog dezelven eens te brengen op de som die daar voor bepaald is bij de Memorie van Menage. Wij hebben met leetweezen gezien dat de generaale sa„ „montreking van de lasten en ongelden mitsgaders de minsten en inkomsten, van het voorschreeve Boekjaar niet met de ver„ #t „eijschte accuratesse geinsereerd geworden is bij onzen brief van den 19:e Januarij 1779. want daar bij, zoo als door Uwe Hoog„ Edelheedens ondekt is, op de meeste bladzijden geen som„ „mes op getrokken zijn, en er boven dien op de eene plaats/ ƒ485700:—:—. bekend gesteld is voor de minsten bij de Me„ „morie van Menagie bepaald, terwijl en 30:- paginas agter„ „terwaarts: voor die eijge bepaaling is op gegeven ƒ 46701: 5:— Om den oorspronk deezer abuijsen te ondekten, hebben wij de alhier berustende minut van dat schriftur nader laa„ „ten revideeren; en toen bevonden dat de som van ƒ485700:— het voorschreeve bedraagen in Crlies, en dat van ƒ448781:5:— in nederlands geld uijtmaakten, gelijk het na de presente be „reekening ook weezen moet. — Dus het eertgemelde bedraagen alusive is in ge„ „vult. — Maar wat het niet optreken der sommes bij disver „se blad zijden betreft, dat is veroorzaakt door dien de co„ pisten welke dien brief hebben geopierd genelad zijhe b kennin 250. kunnen houden met het minute van de Generaale Samen „trekking; waar door die slordigheijd aan niemand anders kan worden toegeschreeven als aan de Collationisten; want de ter keul # het hun pligt geweest was van het openstaan dier posten P kennis te geven aan den Eersten klerk, wanneer die hadden kunnen worden ingevelt: waartoe de Copiesten geen gowen agtig „zaame kennis hadden. — p Dog schoon dit zoo is, nemen wij egter de vrijheijd uwe Hoog Edelheedens nedrig excus te vraagen over de voorschreeve onagtzaame behandelingen; terwijl wij doon „dezelven verzekeren dat we voortaan zorg zullen draa„ „gen, dat diergelijke alusen niet meer gevonden woorde in onze papieren. — enDe Maar aangaande de differente opgave van het bis „kruijt bij onzen op gemelde missive wij verzekeren utwe Hoog Edelheedens dat de daar voor op gegeve 78760 lb: het weezentlijk restant onder ult:o Aug:s en de 75069:¼ lb: het waare restant onder ult:o November 1778 is; dog de daar voor bij den Foermneelen Eijsch voor anno 1779. bekend ge¬ „stold 11320: lb: is abusive ingevult geworden. — Bereeds hebben wij op de daar toe erlangde qualifi¬ „catie van Uwe Hoog Edelheedens in de maand october 178 van hier na Nederland gezonden onzen Eijsch van Euro„ „basche benoodigdheeken, principaal bestaande in Eequi„ „pagie en Eerste Assignatie No. 10. No. 10 hebberen de de Ind Sche. 14 82 ti doen zulx van en rens, 0 „ en 90 n ra waar 1781 heq: boek houder) „bagie-goederen, en Medicamenten: en nadien wij huer toevan Hoog dezelven nader verloff ontvangen hebben, verzoeken wij teffens permissie om insgelijks direct uijt Europa te moo„ „gen waagen de benoodigde provisien van booter, wijnschap „gereedschappen onsz: Wij zouden al danstons op Hoog derzelver geeerd aanschrijvens aan de diaconij hebben laaten afgeven, het Capitaal dat door een onbekende hand, ten dienste van de Uitersche gemeente geschonkenis, hadden wij het zelve in Compagnies Casse laaten overbrengen, dan wijl het voorschr „ve Capitaal, blijkens het aangeteekende bij onze Resolu„ „tie van den 21. November 1778, op verzoek van den ker„ „kenraad, onder de Diaconij verbleeven is; beheeft daar van tans gen restituti it Compagnie as t geschie „den. Dewijl wij in anno 1718, gepermiterde hebben, dat al„ „hier ten behoeve van de lutersche kerk te batavia, een Collec„ „te gedaan is, niet alleen bij haare geloofs genoten maar ook bij de gereformeerde gemeente, waagen wij wegens doe „zen uijtstap excus; in vertrouwen dat die een gunstige verschoning vin den zal; wanneer Hoog dezelven Hlegtb gelieven aan te merken, dat de voorschreeve per missieven „leend geworden is, op verzoek van Proces en legaat be„ „zorges van de voorschreeve kerk bij brief van den 28: Mart 1778

NL-HaNA_1.04.02_3569_0171 view scan ↗

English

253 178. made to the Governor, as it literally contained "that the building of their church required a substantial renovation, the costs of which could by no means be covered from ordinary revenues; that Your High Nobilities, by resolution of 10 March, among other privileges had also been pleased to grant them permission to collect throughout the whole of the Indies across all establishments of the Noble Company to meet these heavy expenses. And that they consequently took the liberty on behalf of their church council to request that the undersigned Governor would be pleased to encourage his subordinates toward Christian charity." For from the indefinite phrasing regarding the permission to collect at all establishments of the Company in the Indies, and from the further words whereby they request the undersigned to encourage his subordinates toward Christian charity, we could understand nothing other than that this collection might generally take place among all Protestant Christian inhabitants of this place. Yet as we are now better informed in this regard, we shall in the future refrain from executing such requests that might be made by private boards before we have obtained Your High Nobilities' orders concerning them. If the person of Jacobus Galenius Vick, who is currently at Tranquebar, returns in time, we shall send him to Batavia via Ceylon on the return ship Hoorn or elsewhere, according to the authorization obtained for that purpose from Your High Nobilities, for which we offer our hearty thanks, as we are very pleased that we shall at last be rid of such a troublesome petitioner. We are particularly pleased that Your High Nobilities have been pleased to approve the conduct we maintained in the dispute that had arisen between the Bengal ministers and ourselves regarding a certain claim of the society of Lucas Cramer and associates upon their attorneys here. And therefore we also consider ourselves obliged humbly to thank Your High Nobilities for this, while we further report that, pursuant to the order obtained for that purpose, we have already, by invoice of 6 March 1780, credited Bengal with the funds that the aforementioned attorneys of the said society have in the meantime transferred into the treasury here, amounting to Porto Novo pagodas 4846:4:35. 252 4846:4:33. No less sensible than we is the undersigned Governor of the satisfaction given to him by writing to the Bengal ministers to avoid in the future such insulting expressions as those they used regarding a certain warrant issued by His Honour in their resolution of 15 August 178. And accordingly he heartily thanks Your High Nobilities for this. While we likewise do the same for the approved payment of wages for another year to the two salaried persons present here, and for the confirmed appointment of the native Samie Poelle as second interpreter without any emoluments. That the reduction introduced in anno 1778 among the servants of the civil administration on this coast met with Your High Nobilities' approval has also greatly pleased us. Since of the two clerks stationed at Jaggarnaikpoeram above the establishment, one has passed away and the other has been summoned hither, we assure Your High Nobilities that neither here nor at any of our factories is a single clerk now stationed above the establishment. In order to comply with Your High Nobilities' order henceforth to have the office of sexton performed not by a separate individual but by the schoolmaster, we resolved on 7 April of this year to entrust the performance of both these offices to the present sexton Jan Adels, because he was an older servant than the schoolmaster Frederik Meijkamp. Yet since on 19 August, by an extract then received from the resolutions of the Reformed church council here dated the 16th prior, it was respectfully submitted that the children in the orphanage were very well instructed by the present master Meijkamp, for which the sexton Jan Adels was not in the least suited, and that moreover it was impossible for both these offices to be performed by one and the same person without the children being deprived of a good education and instruction; therefore, upon the request likewise made by them, rescinding in so far our resolutions of [illegible] and 24 April, on 19 August last we not only approved provisionally continuing the sexton Jan Adels and the orphanage schoolmaster Fredrik Meijkamp in their respective posts, but also resolved to request Your High Nobilities on behalf of the church council, as is now done with urgency, for their continuation, on the grounds that both these offices cannot properly be performed by one person as they ought to be. The junior merchants Bloeme and Geeke have requested us [illegible]

Dutch transcription

253 178. aan den Heer gouverneur gedaan, wijl die woordelijk behelsde,„ dat het gebouw van haare kerk een aanzien„ „lijke vertimmering vorderende, welkers omkosten of verre „na uijt de gewoone inkomsten niet konden worden goedge„ „maakt, uwe Hoog Edelheedens, bij besluijt van den 10. e „Maart onder andere voorregten aan haar ook hadden ge„ „lieven te accordeeren, dat zij ter gemoet koming van „die zwaare ongelden in alle Etablissementen dder Edele „Maatschappij door gansch Jndien mogten collecteeren En dat zij dien volgende de vijheijd naamentuijt „ naam van haren kerkenraad te verzoeken dat den „ ondergeteekende Gouverneur zijne onderhoorigen „tot een Chistelijke mededelzaamheijd geliefde op „te wakkeren. Want wij uijt de onbepaalde bewoordingen om op alle stablissementen van de Maatschappij in indien te mogen Collecteeren, en uijt de verdere woorden waarbij zij deweers, „ten tekenaar deezes verzoeken, om zijne onderhoorigen tot een Christelijke meede deelzaamheijd op te wakkeren, niet anders hebben kunnen verstaan, dan dat die collec„ „te in het generaal geschieden mogt bij al de protestant„ „sche Christen ingezetenen ter dee zer plaatsche. — Dan wijl wij tans hier omtrent, beter geinformeert zijn, zullen wijons in het vervolg wagten, om dier gelijke verzelken Eerste Assignatie No. 10. hebberen „de de sche. te doen ter d en ag „len en en 9 rd waar keus 82 h8g: boek houder) verzoeken, welke door particuliere Collegien mogte gedaan worden ter executie te stellen, voor Uw Hoog derzelver beve„ „len daar omtrent zullen erlangd hebben. — Zoo den persoon van Jacobus Galenius Vick, die zig tans op Tranquebaar bevind, nogttijdig genoeg te rugskomt, zullen wij hem met het Contra schip Hoorn of alders over Ceijlon na Batavia zenden volgens de daar toe erlangende qualificatie van uwe Hoog Edelheedens, waar voor wij hartelijk bedanken, uijthoofde wij zeer verblijdt zijn, dat wij eens, van zulk een lastigen suppliant, zullen ontsloo„ „gen worden. Wij zijn bij zonder satisfant, dat uw HoogEdel„ Leuren „heedens hebben gelieven goed te kmen het gedragte geen wij gehouden hebben in het verschil, dat tusschen de bengaalsche ministers en ons ontstaan was over ze„ „kere pretentie van de sociteijt van Lucas Cramer C: S: op haare gemagtigdens alhier. En derhalven agt en wij ons ook verpligt Hoog de se „ve daar voor nedrig te bedanken, terwijl wij ten vervolge melden, dat wij ingevolge de daar toe erlangde ordre bereed bij Factuur van den 6e Maart 1780 Bengalen hebben ten goede gebragt de gelden, die de voorschreeve gemagtig¬ „dons van de gemelde sociteijt intusschen in Cassa alhier hebben overgebragt, met Portand vosche pagoden. 4846:4: 35 252. 4846:4:33: — Niet minder gevoelig als wij is den ondergeteeken„ „de gouverneur, voor de Sattisfactie aan hem gegeven, door de bengaalsche ministers aan te schrijven, om voortaan ter vermijden diergelijke beledigende uijtdrukkingen, als waar van zij met op zigt tot zeekere ordonnantie door zijn Edele verleend, zig bediend hebben bij haare Resolutievan den den 15e: Ausgs: 178 En dienvolgende bedankt hij Hoog dezelven daar voor hartelijk. Terwijl wij zulx meede doen voor de geaccordeerde uist ga¬ „gie voor nog een Jaar aan de hier zijnde twee gegagieerdens, en voor de geapprobeerde aanstelling van den Jnlander Sa„ „mie Poelle tot tweeden Tolk zonder eenig genot. — Dat de reductie in anno 1778 onder de Dienaaren van de folitie ter deeser kust ingevoerd na Hoogdezelver ge„ „noegen geweest is heeft ons ook zeer verheugd, zedert van de Jag„ „gernaik poeram boven de bepaaling bescheijden geweest zijnde twee pennisten, een overleeden en den anderen na herwaarts ont„ „boden zijnde, verzekeren wij uw Hoog Edelheedens dat tans zoo men hier als op een van onze Tatorijen een enkeld Pennist boven de bepaaling bescheijden is. — Om te voldoen aan Hoogderselver ordre, om voortaanden dienst van koster door geen apart persoon, maar door den school„ „meeter e Eerste Assignatie No. 10. No. 10 hebberen nde de sche. 182. tin doen „de:/ ter keul e zulx Bank, waar en A Abra„ ragt hi 10 en n 90. a 178 Comp heq: boek houder) „meester te laaten waarmemen, besloten wij op den 7: April „zes Jaars het waarnemen van die beijde diensten den pra „ten koster Jan Adels op te draagen uijt hoofde deese een „der dienaar was, als den Schoolmeester Frederik Meijkam Dog sedert of op den 19e Aug:s, door den gereformeerde =kerkenraad alhier, bij een toen ingekome Extrat uijt hun resolutien van den 16: bevoorens reverentelijk vertoond „de, dat de kinderen in 't weshuijs door den presenten de „meester Meijkamp, zeer wel onderweezen wierden, waar den koster Jan Adels niet alleen geen zints geschikt„ het boven dien ook niet mogelijk was, dat die beijde dien door een en den zelfden persoon konden worden waargenom zonder dat de kinderen verstoken bleeven van een goede leem en educatie, zoo hebben wij op hun daar toe teffens gedaan verzoek, met resiliatie voor zoo ver van onze besluijten van de en 24:e April, op den 149:e aug:s Jongst leeden, niet alleen goed ge„ „den den koster Jan Adels en den schoolmeester van het „luwijs Fredrik Meijkamp bij provisie in hunne respectiv laaten diensten te Continueeren, maar ook besloten uwe Hoog Ed: „heedens uijt naam van den kerken raad te verzoeken, zo als tans met empressement geschied, om hunne Continuatie uijt hoofde die beijde diensten niet wel door een persoon te „nen worden waargenomen, zoodanig als het behoord. De onder koop lieden Bloeme en Geeke hebben ons va „zogt n

NL-HaNA_1.04.02_3569_0175 view scan ↗

English

253 begged to thank Your High Noble Excellencies most humbly on their behalf for the confirmation of the former as Member of Police, and the latter as Dispenser. And therefore we do this in the most respectful manner, while we at the same time fulfill our humble obligation to the same High Nobles for the communication given of the arrival at Batavia of the bark De Eendragt belonging here, with 205 packages of Jaggernaikpoeram piece goods. With the mentioned small craft which arrived here from Ceylon on the 18th of August last, the papers belonging to the vessel having been received by us, we have the honor to note this, while we at the same time report in continuation that the master of that craft Michiel Woller on his voyage from Batavia to Ceylon, or on the 27th of December 1779, died. Immediately upon receipt of the dispatch sent by the same High Nobles dated 16 November 1779, we had a careful search made both in the pay books here and elsewhere for the Europeans who fled from the vessel of the former Tangal Tumanggung Tjaera Nagara in Persia, by name: Gerrit Kruper, former mate, Lodewijk Willem Meijer, and Paul Wegman Bekker, former sailors in the Company's service, First Assignment No. 10 [illegible] bookkeeper service, but could not find them; however, should they ever be discovered here, we shall not fail to send them in safe custody to Batavia at the very first opportunity. We shall also, pursuant to the orders of the same High Nobles, grant passage to Batavia at the first occurring shipping opportunity to the five children of Mo Assan Nina Paút residing at Batavia, should they make a request for it, with permission to take a small retinue for their service, provided it does not exceed the number of five persons. The mail packet for the Netherlands, together with Your Noble Excellencies' covering letter of 20 March received, has been sent by the undersigned Governor to Madras, in order to be dispatched to Europe with the first ship departing from there. Having hereby, as we trust, fully answered the letters of the High Nobles mentioned in the heading of this, we take for the rest the liberty to remain with all respect and high esteem. Below was written: High Noble, Right Honorable, Wide-Ruling Sir and Well-Born Gentlemen, Your High Nobles' 254 humble and obedient servants. Was signed: G: Reinier van Vlissingen, P: J: Dormieux, E: G: Hazelman, S: Moffel, Paul Engelbert van Halm, J: D: Simons, M:r Stoffenberg and P: Willem Bloeme. In the margin: Nagapatnam In the Castle, 20 October 1780. Agreed, J. A. Bromveld, First Clerk First Assignment No. 10. [illegible] Carolina Theodora Jacoba Geertruijda Prins [illegible] 38 old [illegible] at 90 stivers [illegible] discount, which in [illegible] value of [illegible] in Company's [illegible] bookkeeper First Assignment No. 10. [illegible] Carolina Theodora Jacoba Geertruijda Prins [illegible] bookkeeper Collated by J: Mossel No. 8. Secret Resolutions Taken in the Council of Coromandel Nagapatnam: The Noble Commissioners of the Directors at First Assignment No. 10. representing the [illegible] Indies. [illegible] 1782 to do [illegible] at the bank, where [illegible] and Abraham [illegible] authorized [illegible] guilders, twelve [illegible] here at the [illegible] Carolina Theodora Jacoba Geertruijda Prins [illegible] in Company's [illegible] thirty-one old [illegible] at 90 stivers [illegible] discount, which in [illegible] value of [illegible] 1781 under [illegible] J: Mossel bookkeeper 255 Register of the marginal notes to the Secret Resolutions taken in the Council of Coromandel at Nagapatnam since 10 January 1780 until 20 December. 10 January 1780. A translated letter from the Nawab, fol. 1. Contains [illegible] fol. 2. Copy thereof sent to Tadama, 7 April. A secret letter and enclosures of the load, fol. 3. Against the opinion of the Nawab regarding the Chialengeniers, fol. 17. To maintain Tadama's answer, fol. 18. The aforesaid papers sent to the Nawab himself, fol. 5. 19. 19. The Noble Commissioners of the Directors at First Assignment No. 10. representing the [illegible] Indies. [illegible] 1782 to do [illegible] the Bank, where [illegible] and Abraham [illegible] authorized [illegible] guilders, twelve [illegible] here at the [illegible] Carolina Theodora Jacoba Geertruijda Prins [illegible] and in [illegible] thirty-eight old [illegible] at 90 stivers [illegible] discount [illegible] five hundred [illegible] value of [illegible] in the Company's [illegible] anno 1781. [illegible] fol. 4. fol. 2. [illegible] bookkeeper

Dutch transcription

253 „zogt uwe Hoog Edelheedens uijt haaren naam aller onder„ „danigst te bedanken voor de bevestiging van den Eersten als Lid van Politie, en den tweeden als dispencier. — En derhalven doen wij dit op de eerbiedigste wijse, terwijle zul wij teffens onze nedrige verpligting bij Hoog de zelven afleggen voor de gegeve Communicatie van het arrivement op Batavia agtig van de alhier thuishoorende bark de Eendragt met 205 Pak„s „ken Jaggernaikpveramsche lijwaaten. — Met het gemelden kieltje het geen op den 18:' Augustus Jongo „leeden van Ceijlon alhier gearriveerd is, door ons ontvangen zijn„ „de de tot het vaartuijg behoorende papieren, hebben wij de eere en dit te noteeren, terwijl wij leffens ten vervolge melden, dat den ge„ „zaghebber van dat Bodemtje Michiel woller op zijne reijsea van Batavia na Ceilon, of op den 27: december 1779 verleden Direct op den ontvangst van Hoog derzelver gezende mis„ „sive van den 16: November 1719, hebben wij zoo wel bij de soldij - 1781 boeken alhier als elders, een naauwkeurig onder zoek laaten doen, na de van het vaartuig van den geweezen Tangalschen Tommagong Tjaera Nagara in Persien gevlugte Europeelen, in naame— Gerrit kruper geweezen stuurman Lodewijk Willem Meijer, en Paul wegman Bekker geweezen, Matroozen in Companes dienst Eerste Assignatie 10. No. 10 hebberen nde de G sche. 82. tij doen de:/ ter keul en bra„ waar h 0 „da en 90. aad is. — heq: boek houder) dienst, dog hun niet kunnen vinden: evenwel zullen wij zij hier ooijt ontdekt worden niet verzuijmen, om hun bij de alle veerste gelegendheijd in goede verzekering na Batavia zenden. — Ook zullen wij op Hoog dezelver aanschrijvens aan de vijf kinderen van den op Batavia woonagtig Zijnde Mo Assan Nina Paút, zoo zij daarom verzoek komen te doe bij de eerste voorkomende scheeps gelegendheijd passagie na Batavia verleenen, niet permissie om een klijn gevolg ten 7 „haaren diensten te mogen meede naemen, mits het zelve F F niet excedeere het getal van vijff koppen. — Het brieff pakket voor nederland, nevens uwerstod „Edelheedens geleijde letteren van den 20: Maart ontvangen is door den ondergeteekende Gouverneur na Madras gez „den, om met het eerst van daar vertscekkende schip na be „ropa gezonden te worden. — Hier meede zoo wij vertrouwen, volleedig beantewor hebbense, Hoog der zelver brieven in den hoofde deezes gemeld, neemen wij voor het overige de vrijheijd met alle eerbied en hoogagting te blijven. — /:onderstond:/ Hoog Edele Groot Agtbaare wijd gebiedenden Heere en wel Edele Heeren, Uw hoog Edelens onder 254 onderdanige en Gehoorzaame Dienaaren /:was geteekend:/ G: Reinier van Vlissingen, P: J: Dormieux, E: G: Hazelman S: Mofffel, Paul Engelbert van Halm, J: D: Cimons, M:r Stoffenberg en P: Willem Bloeme. /:Inmargine:/ Naga„ patnam In't Casteel den 20=e O:ctober 1780. —. Accordeegd J„ A„ Bromveld. Ey Clercq Eerste Assignatie No. 10. et hebbenen ende de G Jndi sche. 1 182. te doen „de / ter keul „e zulx in Bank, waar en Abra„ nagtigden s kens, Twaalf lhier aan't rolina od ida en en 90. a van 4. 9 ou Com ins d Ja Leg: boek houder) Eerste Assignatie No 10. No thebberen ende de Jndis sche. 1 782. ten doen de ter keul in k, waa rd s mag dens, alhier Carolina heod uijd n Ja om 9ou Ra h aan n 3 le zulx ½8g: boek houder Gecollationeerd door J: Mossel No. 8. Secreete Resolutien Genomen in Raade van Cormandel Nagapatnam: ƒ. De Edele Heeren Gecommitteerde Bewindhebberen te Eerste Assignatie No. 10. senteerende de G Indische. 1782. ti doen ynde: ter keul lle zulx in de Bank, waa en Abra„ magtigden s ldens, Twaalf alhier aan 't arolina heodora Ja uijda Prins denen „en in s Comp Een Dertig ou â 90. Stuiver Rabat, die in fhond waarde van en 1781 - onder De ossel Leq: boek houder 55 255. Register der marginaa„ len op de secreete Resolutie genomen in Raade van Cor„lle zulx in mandel te Nagapatnam zeedert den 10. Januarij 1780. tot 20. December 10. Januarij 1780. er Translaat brief van den Nabab. f. o 1. behelft. - - - - - - - - - - - - - - - „ 2 pia daar van dan Tadama te zen„ den 7. April eener secreete brief en bijlaagen van t last - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 3. in het tegendeel van 's nababs gevoelen de Chialengeniers. . . . . . . . . . - „ 17. et het antwoord van Tadama vol„ houden. . . . . . . . . . . - - - - - „ 18. voorsz: papieren den Nabab aan„ zelven - - - - - - - - - - - - - - „ 5. neer 19. en 19. e Edele Heeren Gecommitteerde Bewindhebberen te Eerste Assignatie o 10. No. 10 senteerende de G Indische. 1782. te doen Eijnde :/ ter keul de Bank, waa d en Abra„ emagtigden s eldens, Twaalf alhier aan 't Carolina heodora Ja ruijda Prins edenen n, en in Aht en Dertig ou â 90. Stuivers Rabat yf hon waarde van 6en die in s Comp no 1781- tta. . . . . . . . . . . . . . . . . „ 4. . - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 2. ... .. el 2eg: boek houder

NL-HaNA_1.04.02_3569_0185 view scan ↗

English

55 255. Register of marginal notes on the secret Resolution taken in the Council of Coromandel, namely in the Council at Nagapatnam, from 10 January 1780 to 20 December. 10 January 1780. Reading of a translated letter from the Nabob. folio 1. Decision to send a copy thereof to Padama. folio 2. What it contains. folio 2. And with what order. folio 3. Insertion thereof. folio 5. 7 April. Production of a secret letter and annexes from Palleacatta. folio 4. Insertion thereof. folio 18. Proof to the contrary of the Nabob's opinion regarding the Chialengeniers. folio 17. Decision to offer the Nabob the answer from Padama following the copy of the aforesaid papers. folio 19. Yet when to press for it. folio 19. [illegible] And under what terms and assurances. folio 19. 25 May 1780. Production of a secret letter from Bimilipatnam. folio 21. Insertion thereof. folio 22. Deliberation thereon. folio 37. Remark concerning the late reply to the letter of this Government. folio 38. What the chiefs brought forward in their excuse. folio 38. Acquiescence of the Council in the general observation. folio 37. And in what confidence, however. folio 39. Unwillingness of the Princes to bind themselves for the interest on the capital to be furnished to them. folio 39. What, however, is reflected regarding that matter. folio 40. In what case those Princes might be moved to enter into a new Contract. folio 40. Detailed reasoning regarding this. folio 41. In which terms they seem willing to agree. folio 43. For how much and under what conditions. folio 43. Authorization to enter into a new Five-Year Contract. folio 45. 26 July. Circulated rumor of the incursion of the cavalry of Hyder Ali at Portonovo. folio 46. When, and how strong they were. folio 46. Plundering of that place, etc. folio 46. Robbery of the Dutch and Danish lodge. folio 47. How the looted goods were carried off. folio 47. Capture of the Resident, etc. folio 47. Record to be kept of this. folio 48. And why. folio 48. Expression of thanks to the Governor for the communication given of this. folio 48. Which precautions were used here. folio 49. Taking into service of 6 extra hircarrahs. folio 50. What was decided by the Council regarding Portonovo. folio 50. 28 July 1780. Further information received regarding the incursion at Portonovo. folio 51. Production of a translated ola written by the Portonovo interpreter. folio 52. Insertion thereof. folio 53. Submission of an attestation by a Company peon. folio 58. Insertion thereof. folio 59. What appeared from both these writings. folio 65. No news received as to where the Resident etc. have been brought. folio 66. Uncertainty as to when they would be released again. folio 66. [illegible] Necessity to make the necessary arrangements regarding Portonovo. folio 67. What the Governor proposed. folio 68. Decision to send Wouter Pietersz. thither. folio 68. And with what order to him. folio 69. Order to the Sadras Second Simons to send a detailed report of Portonovo. folio 69. Decision to furnish Wouter Pietersz. with 100 pagodas. folio 70. Reasoning regarding the danger to the Company's possessions on this Coast. folio 70. What was written to Palleacatta and Sadras. folio 73. Notice to be given to Their High Excellencies of the events at Portonovo. folio 74. Decision to do so by a private vessel. folio 75. Likewise to the Ceylon Government. folio 75. And under what representation and request. folio 76. Two weighty questions to be put to the Ministers regarding the securing of this place. folio 76. Continuation. 11 August. Receipt of a letter from Wouter Pietersz. folio 77. Decision. Continuation.

Dutch transcription

55 255. Register der marginaa„ len op de secreete Resolutie genomen in Raade van Cor„lle zulx in mandel te Nagapatnam zeedert den 10. Januarij 1780. tot 20. December den 10. Januarij 1780. Leezing eener Translaat brief van den Nabab. f. o 1. Besluijt Copia daar van aan Tadama te zen„ den 7. April Productie eener secreete brief en bijlaagen van blijking van het tegendeel van 's nababs gevoelen nopens de Chialengeniers. . . . . . . . . . - „ 17. besluijt met het antwoord van Padama vol„ En Copij der voorsz: papieren den Nabab aan„ dog wanneer daan te houden. . . . . . . . . . . . . . . . „ Wat dezelve behelft. . . . . . . . . . . . . . - „ En met wat last - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 3. Jnsertie derzelven - - - - - - - - - - - - - - - „ 5. tebieden. . - - . - . - Palleacatta - - - - - - - - - - - - - - - - „ 4. den. . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 2. 2 18. en: -„ 19. De Edele Heeren Gecommitteerde Bewindhebberen te Eerste Assignatie No. 10. senteerende de G Indische. 1782. ti doen sijnde:/ ter keul de Bank, waa den Abra„ magtig den s eldens, Twaalf alhier aan 't Carolina heodora Ja ruijda Prins edenen onder n, en in 's Comp ht en Dertig ou à 90. stuiver. Rabat yf hon waarde van en die in no 1781- „ 19. el heq: boek houder) Een onder welke termen en verzeekeringen . - - f„s den 25. Meij 1780. Productie eener secreete brief van Bimilip: - - - . „ 21. remarque over de laate beantwoording des briefs deliberatie daar over - - - - - - - - - - - - - - - - . „ 37. Jnsertie derzelve - - - - - - - - . - - - - - - - - - „ 22. deezer Regeering. - - - - - - - - - - - - --„ Wat de opperhoofden daar tegens tot verschoo„ 38. ning ingebragt hebben. . . . . . . . . . . . . . . „ Berusting van den Raad bij de algemeene aan„ En in welk vertrouwen egter - - - - - - - - - - - „ onwilligheijd der Vorsten ter verbinding voor de intressen op het aan haar te verstrekke„ ne Capitaal - - - - - - - - - - - - - - - Wat men egter daar omtrend reflecteerd. . - - „ Jn wat geval die Vorsten te beweegen zouden zijn, tot het aangaan van een nieuw Contract - - - - - - „ 40. Breedvoerig raisonnement dierweegens. . . . . . „ 41. Jn welke voorwaardens zij schijnen te willen accordeeren - - - - - - - - - - - - - - - - - „ qualificatie tot het aangaan van een Nieuw Voor hoe veel en onder welke mits - - - - - - - . „ 43 den 26. Julij Vijff Jaarig Contract. . . . . . . . . . . . . „ Verspreijt geriegt van den inval der ruigters merking - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 39. 19 van ver 37 1 256. van Haijdernaijk te Portonovo Wanneer, en hoe sterk zij geweest zijn. uijtplundering van die plaats etc:a berooving van de hollandsche en Deensche Logie - - „ 47. hoedanig de geroofde goederen weggevoerd wierden - - „ 47. Gevangen neeming van den Resident etc:a. . . . . „ 47. te houdene aanteekening hier van. - - . . . . . . . „ 48: dankbetuijging aan den Heer Gouverneur voor de gegeevene Communicatie hier van. . . . . . „ 18. Welke precautien men alhier gebruijkt heeft - . . „ 49. Jn dienst neeming van 6. Extra harkars - - - - - - - „ 50: Wat omtrend Portonovo bij den Raad beslooten is „ 50. den 28. Julij 1780. Nader ontvangen berigt van den inval te Por„ en Waarom. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 48. torrovo. . . . . . - - - - - - - - - Productie eener Translaat ola, door den Porto„ novoschen tholk geschreeven. . . . . . . . . . „ Overlegging van een attestatie van een Comp. s Jnsertie van het zelve. . . . . . . - - - - . - - „ pion. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ Wat uijt die beijde schriftuuren quam te blijken. „. 65. Nonbekomene tijding waar den Resident etc:a Onzeekerheijd wanneer zij weder gelargeerd na toegebragt zijn - - - - - - - - - - - - - - „ 66. Jnsertie derzelve. . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 59. 52. N„o 45. zouden. De Edele Heeren Gecommitteerde Bewindhebberen Eerste Assignatie No. 10. . . .. . . . „ 46. . . . . . „ 46. valle zulx in n de Bank, waar vid en Abra„ Gemagtigden So Guldens, Twaalf de alhier aan 't Carolina Theodora Ja Aruijda Prins leedenen onder in, en in 's Comp Acht en Dertig ou es à 90. Stuiver. 6 Rabat, die in vijf hondert en waarde van 51. „ 53. no 1781- 58. el heq: boek houden zijnde:/ ter keul A„o 1782. tie doen Indische. rende de G 14 zouden worden. - -- Noodzaakelijkheijd tot het maaken van de noo„ dige schikkingen omtrend Portonovo---- Wat den Heer Gouverneur geproponeerd, heeft - - -„ besluijt om Wouter Pietersz: na derwaarts te Zenden. . . . . . . . . . . . En met wat last aan denzelven... Last aan den sadrasp: secunde Simons om een breed„ voerig berigt van Portonovo te zenden--- besluijt om aan Wouter Pietersz: 100. pag: te ver„ strekken. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ Raisonnement wegens het gevaar van sComp:s be„ Wat men na Palleacatta en sadras aangeschree„ zittingen te deezer Custe. . . . . . . . . . . . „ ven heeft. . - - - - - - - - - - - - - - - - - „ te geevene kennisse aan Haar Hoog Ed: van de Ge„ beurtenisse te Portonovo besluijt zulx per een particulier scheepje te doen -- „ zoomeede aan de Ceijlonsche Regeering - - - - - - - -„ En onder welk vertooning en verzoek- - --- te doene twee gewigtige vragen aan de Ministers, omtrend het bevijligen van deeze plaats ----„ Vervolg. --. den 11. Augustus Ontvangst van een brief van Wouter Pietersz: besluijt . .. - - . . . . f„o „ „ . . . . - . - - - - - . „ „ - - – – – - - - - - – „76 „ .. - . . . Vervolg.

NL-HaNA_1.04.02_3569_0189 view scan ↗

English

257. Decision to make a record thereof, and Order to the same to send the goods still to be found there hither by the barque de Liefde to insert herewith. folio 85. No answer received to the requested release, what is therefore assumed folio 85. Proposal to request that release from the Nabob Haijder Alichan folio 85. Reading of the letter prepared for that purpose folio 85. decision to conform thereto folio 88. Production of two secret letters from Palleacatta and Sadras folio 89. Also of an extract letter from Blaaukamer of Topander etc. folio 84. decision to record the receipt thereof folio 90. Insertion of the same folio 90. What the same contain. folio 90. And what has already been communicated and ordered to those chiefs folio 91. Presentation of a secret letter from Sadras folio 91. what is communicated therein and further requested folio 92. decision regarding the refusal of the requested military and artillerymen. folio 93. Continuation folio 92. What the Governor nevertheless proposed folio 93. And why folio 93. decision to authorize those chiefs to hire into service 25 sepoys and 50 coolies. folio 93. Recommendation to send a note of the requested ammunition goods. folio 93. decision to send cash, gunpowder, and paddy thither folio 97. those servants folio 97. And with what order folio 97. Order to send the Company's linen bales by the thonij the Johanna Maria folio 98. deliberation on two weighty questions posed folio 100. Continuation folio 100. What was decided to answer them thereon folio 100. to express satisfaction with the resolution taken for the defense of that place folio 101. what is therefore recommended to them folio 102. the 19th of August Communication given by Tadama of the descent of the marauding troops of Haider Ali folio 103. And what precautions he used for defense folio 104. What he feared folio 104. deliberation. folio 104. 258. order to hire a thonij folio 107. And with what order regarding the Company's goods. folio 107. Inquiry by the Governor whether Palleacatta should not be provided with the necessary orders. folio 108. deliberation regarding that. folio 104. decision to give them such orders as have been dispatched to Sadras. folio 109. And in case of a lack of gunpowder, to send over a note thereof folio 109. the 26th of August Production of a translation of a Maratha letter folio 110. Insertion of the same. folio 111. What is requested therein folio 115. Deliberation regarding that. folio 116. decision, declining the requested 75,000 pardaus as a loan, to provide 15,000 pardaus in advance against receipt. folio 118. And to surrender the aforementioned gift goods to the Governor. folio 118. receipt of a secret letter and extract resolution from Palleacatta. folio 119. decision to approve the measures taken for defense. folio 124. Insertion of that extract. folio 120. And under what written instruction regarding the hired thonij folio 120. receipt of a secret letter from Sadras folio 124. Notice already given to those servants regarding the decision taken in that regard folio 124. And what they request therein folio 124. deliberation thereon folio 124. the 31st of August Request made by Deneijs for assistance of men folio 130. under what representation at the same time. folio 130. decision to send the aforementioned 12 soldiers thither. folio 130. Continuation. folio 130. And to authorize the hiring into service of another 25 sepoys folio 130. dispatch of cash, gunpowder, ammunition, and weaponry goods folio 130. the 11th of September Notice given to Ceylon of the invasion etc. of Haijder Ali at Portonovo folio 133. Two-part questions proposed folio 133. whether one might hire native troops into service without consent of the Honorable Lords. folio 133. And with how many men one would be able to assist here. folio 133. answer received thereon folio 133. Insertion. folio 133.

Dutch transcription

257. Besluijt daar van aanteekening te houden, en Last aan denzelven, om de aldaar nog te vinden zijn„ de goederen per de barcq de Liefde herwaarts te zenden hier bij te insereeren. - - . . . . - - Non bekomen antwoord op de verzogte largatie wat men dierhalven verondersteld - - - - - - - „ 85. Propositie om die largatie van den Nabab Haij„ der Alichan te verzoeken - - - - - - - - - „ Leezing van de ten dien eijnde in gereedheijd ge„ besluijt daarmeede te Conformeeren - - . - - - - „ 88. Productie van twee secreete brieven van Pallea„ Jtem van een Extract brief van Blaaukamer „ 90. besluijt van dies ontvangst aanteekening te hou„ van Topander etc.:a. . . . . . . . . . . . . . . „ 84. Jnsertie derzelve - - - - - - - - - - - - - - - - -„ Wat dezelve behelzen. . . . . . . . . . . . . . . . . „ 90. catta en sadras - - - - - - - - - - - - „ 89. bragte brief - - - - - - - - - - - - - - - „ 85. En wat men bereeds aan die opperhoofden be„ Overlegging van een secreete brief van Sadras - - - „ 91. wat daar bij bedeelt en nader verzogt word - - - - „ 92. besluijt ter Excuseering van de verzogte militairen deelt en gelast heeft - - - - - - - - - - - - - „ 91. Vervolg - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 92. 85 83. ens De Edele Heeren Gecommitteerde Bewindhebberen te Eerste Assignatie No. 10. f„o 78. „o 1782. te doen zijnde :/ ter keul alle zulx in „de Bank, waa id en Abra„ Gemagtigden so Guldens, Twaalf alhier aan 't Carolina Theodora Ja Cruijda Prins eedenen onder 1, en in 's Comp ht en Dertig ou s â 90. stuiver. Rabat, die in yf hondert en waarde van no 1781- den. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 90. 48 Rossel heq: boek houder . . . . - - --- „ Indische. gende de G Wat den Heer Gouverneur egter geproponeerd en Artilleristen. . . . . . . . . . . . . . . . . . f„o 93. En waarom - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ heeft. . . . . . . . . .. besluijt om die opperhoofden te qualificeeren tot het in dienst: neemen van 25. sipaijs en 50. Coelies. . . . . . . . . Recommandatie ter zending eener notitie van de gevraagde ammonitie goederen. . . . . . „ besluijt ter zending van Contanten, kruijt en Last ter zending van 'sComp.:s lijwaat pakken per de thonij de Johanna Maria - - . . . . . . „ 98. deliberatie over twee gewigtige gedaane vragen Wat daar op beslooten is haar te antwoorden - - - - - „ 100 te betuijgene genoegen over de genomene resolutie tot defentie van die plaats - - - - - - - - - - - - „ 101. wat men dierhalven haar recommandeert - - „ 102. den 19. Augustus Nelij na derwaarts - - - - - - - - - - - - - - „ 97. dier bediendens - - - - - - - - - - - - - - „ En met wat last - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 97. Vervolg - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 100. gegevene Communicatie door Tadama van de af„ sakking der roof troupen van haider Ali-„ 10 Een welke precautien hij gebruijkt heeft tot defentie - „ 104. Waar voor hij Vreesde „ deliberatie. .„ 258. last ter afhuuring van een thonij - - - - - - - - - - „ 107. En met wat last omtrend sComp. s Goederen. - - - - „ 107. Omvraage door den Heer Gouverneur of men Palleacatta niet met de noodige ordre diend deliberatie dierweegens. . . . . . . . . . . . . . . f„o 104 te Voorzien. . . . . . . . . . . . . . . . . „ 108. besluijt haar soodanige ordres te geeven als men na Sadras geexpedieerd heeft. . . . . . . . . . „ 109. En bij manquement van kruijt een Notitie daar van overtezenden - - - - - - - - - - „ den 26. Augustus Productie van een Translaat Marattijse brief - - . - „ 110. besluijt onder Excusatie van de verzogte 75000. pard:s ter leen, op quitantie 15000. pard:s voor uijt En de nevens gem: schenkagie goederen aan den Heer Gouverneur aftestaan. . . . . . . . . „ 118. ontvangst van een secreete brief, en Extract re„ solutie van Palleacatta. . . . . . . . . . „ besluijt de genomene maat regulen tot defentie En onder welke aanschrijving nopens de in Jnsertie van dat Extract. . . . . . . . . . „ 120. Jnsertie van het zelve. . . . . . . . . . . . . . „ 111. Wat daar bij overzogt word - - - - - - - - - - - „ 115. Deliberatie dierwegens. . . . . . . . . . . . „ 116. te verstrekken. . . . . . . . . . . . . . . . „ 118. te approbeeren. . . . . . . . . . . . . . . . . „ 124. 109. huur De Edele Heeren Gecommitteerde Bewindhebberen te Eerste Assignatie No. 10. gende de G Indische. „o 1782. te doen zijnde :/ ter keul alle zulx in „de Bank, waar id en Abra„ Gemagtigdens Guldens, Twaalf alhier aan 't Carolina Theodora Ja Cruijda Prins eedenen onder in, en in 's Comp Acht en Dertig ou es á 90. stuiver. Rabat, die in Vyf hondert en waarde van no 1781- 119. s el heq: boek houdern huur genomene thonij-- ontvangst van een secreete brief van sadras - - - - - „ Reeds gegeevene kennisse aan die bediendens we„ gens het dierw: s genomen besluijt--- - - -- den 34. Augustus Gedaan verzoek door Deneijs om assistentie van onder welke vertooning teffens. - - . . . . . . . -„ besluijt om nevens gem: 12. Militairen na der„ En tot het in dienst neemen van nog 25. sipaijs En wat zij daar bij verzoeken - - - - - - - - - -„ deliberatie daar over - - - - - - - - - - - - - - - „ waarts te zenden. . . . . . . . . . . . . . „ manschappen - - - - - - - - - - - - - - - - „ Vervolg. . . . . . . . . . te qualificeeren - - - - - - - - - - - - „13 toezending van Contanten, buskruijt, ammonie„ tie en wapengoederen - - - - - - - - - - - - - - „13 den 11. September gegeevene kennisse na Ceijlon van den inval &r=a van Haijder Ali te Portonovo - - - - - - „ 133. Voorgestelde twee ledige Vragen . „ of men zonder concent van H: H: Ed: Jnlandsche troupes zou mogen in dienst neemen. . . . . „ En met hoe veel manschappen alhier zoude kon„ nen assisteeren. . . . . . . . . . . . . . . . „ ontvangen antwoord daar op - - - - - - - - - - - „ 130 f„o 124. Jnsertie. - . . . . . . . - - „ 1 120 130

NL-HaNA_1.04.02_3569_0193 view scan ↗

English

259. Reading of a copy of a missive written by those ministers to Cochim - - folio 137. Insertion of that letter - - folio 135. Insertion of the same - - folio 138. Proof that one has to expect the least help neither from Ceijlon nor Cochim - - folio 144. Opinion of the Lord Governor to reinforce the companies of sepoys here - - folio 145. Resolution to take 250 sepoys into service - - folio 147. Reasoning concerning the number of artillerymen here - - folio 148. Deliberation regarding this - - folio 146. Resolution to place some sailors from the shipyard into the artillery - - folio 148. And to take 100 coolies into service - - folio 149. To express regret to Ceijlon over its weak state of manpower - - folio 149. Repeated request to be made for some artillerymen - - folio 148. Admission of 20 native soldiers into service - - folio 150. Submission of a report from the hircarras - - folio 152. What the same contains concerning the army of Waijder Ali - - folio 152. The 15th September Reading of a secret letter for Colombo - - folio 155. Receipt of 2 secret letters from Palleacatta - - folio 156. What the same contain - - folio 156. Resolution to dispatch 2 leaguers of arrack and some ammunition goods - - folio 156. Order to count into the treasury what has not been enjoyed in advance by the aforementioned tindal - - folio 156. And upon refusal thereof to seize his thoni - - folio 156. What the Sadras second Simons ordered the Portonovo merchants to do - - folio 163. The answer given by them - - folio 163. Resolution to keep a record thereof - - folio 163. And what one will expect from the zeal of Simons - - folio 163. Request made by Simons for 1 lead line, 1 half-hour glass, and 500 pagodas - - folio 163. Resolution to send him 300 pagodas together with the 2 other articles - - folio 164. Resumption of a specification of expenses incurred by Wouter Pietersz - - folio 164. Resolution to approve pagodas 31: 3. 35 for write-off - - folio 164. And regarding the aforementioned extraordinary expenses, to request in advance the authorization of Their Right Honorable Worships - - folio 164. Disbursement made to the Princesses of the Sun of pagodas 196 - - folio 166. Under what promise regarding its restitution - - folio 167. The Honorable Gentlemen Committee of Directors in the East Indies. First Assignation No. 10. Year 1782 to pay, being at the choice of all such in the Bank, where David and Abraham, authorized agents, sum of guilders, twelve here at Carolina Theodora Jacoba Cruijda Princess, reasons undersigned, and into the Company's thirty-eight old ducats at 90 stuivers, rebate, which in five hundred and value of the year 1781. Bookkeeper. 260. And in default thereof to charge it to Ceijlon - - folio 167. The 29th September Receipt of a letter from Simons from the forest of Moddepalem - - folio 169. What he communicates and requests thereby - - folio 170. Deliberation thereupon - - folio 171. Resolution to break up from Portonovo for some time - - folio 172. And to order Simons to come hither with the merchants - - folio 172. As well as to discharge all the peons except for 2 - - folio 173. To leave them together with the flagman there - - folio 173. Production of a translated letter from the Regent of Tansjour - - folio 174. Insertion of the same - - folio 174. Receipt alongside it of a receipt from the Prince - - folio 179. Resolution to disburse 15000 pardaus upon it - - folio 179. And politely to decline the further requested 75000 pardaus - - folio 179. Resolution to cede the aforementioned robes of honor to the Lord Governor - - folio 180. And for what reason - - folio 180. Production of a letter from the Lord Governor of Ceijlon - - folio 180. Insertion of the same - - folio 180. The Honorable Gentlemen Committee of Directors in the East Indies. First Assignation No. 10. Year 1782 to pay, being at the choice of all such in the Bank, where David and Abraham, authorized agents, sum of guilders, twelve here at Carolina Theodora Jacoba Cruijda Princess, reasons undersigned, and into the Company's thirty-eight old ducats at 90 stuivers, rebate, which in five hundred and value of the year 1781. Bookkeeper. Insertion of the same - - folio 180. Request to let what is necessary be provided to the Princesses of the Sun - - folio 180. Resolution to have a further 250 pagodas delivered to them - - folio 180. Arrival of a sloop from Jafna to fetch those princesses - - folio 180. Resolution to have some small cabins made in that sloop - - folio 180. And against when they would be able to depart - - folio 180. Submission of a translated document from the servant Inlappa - - folio 180. Reading and insertion of the same - - folio 180. Which propositions and promises the Nabob Haijder Ali has made therein - - folio 180. Remark regarding this - - folio 180. Proposition to send an authenticated copy of that proposal to Batavia - - folio 180. And to give notice thereof to the said Nabob - - folio 180. What one in the meantime trusts from His Highness - - folio 180. Resolution to conform to that proposition - - folio 180. And to send some presents to the Prince - - folio 180. Notice given by Deneijs of the battle that occurred between the army of the English and Haijder Ali - - folio 180. Request - - folio 180. Continuation.

Dutch transcription

259. Leezing eener Copia missive door die Ministers na Cochim geschreeven - - . . . . . . . . . „ 137. Jnsentie van die brief. . . . . . - - - - - - . . - f„o 135. Jnsertie derzelve. . . . . . . . . . . . . . . „ 138. Blijking dat men nog van Ceijlon nog Cochim de minste hulp te wagten heeft. . . . . . . .„ Gevoelen van den Heer Gouverneur om de Compag„ nien Sipaijs alhier te versterken - - - - „ 145: besluijt om 250. Sipaijs in dienst te neemen - - „ 147: raisonnement over het getal artilleristen deliberatie dierweegens. . . . . . . . . . . . . . „ 146. alhier. . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 148. besluijt eenige mattroosen van de werff bij de en 100. Coelies in dienst te neemen. . . . . . . . . „ 149. te betuijgene leedweezen na Ceijlon over haaren swakken toestand van manschappen - - - - - „ 149. andermalig te doene verzoek om eenige Artil„ teristen arthellerij te plaatsen. . . . . . . . . . . „ 148. admissie van 20. Jnlandse soldaaten in dienst - . . „ 150 overlegging van een rapport der harkars - - - - „ 152. Wat het zelve nopens het Leger van Waijder Ali behelft. . . . . . . . . . . . . . . . „ 152. den 15. september Leezing van een secreete brief voor Colombo - - „ 155. ontvangst van 2. secreete brieven van Pallea„ 144: wat „ 156. De Edele Heeren Gecommitteerde Bewindhebberen te Eerste Assignatie No. 10. „ gende de G Indische. „o 1782. ti doen zijnde :/ ter keul alle zulx in „de BBank, waa id en Abra„ Gemagtigden so Guldens, Twaalf alhier aan 't Carolina Theodora Ja Cruijda Prins eedenen onder in, en in 's Comp ACht en Dertig ou s â 90. stuiver Rabat, die in yf hondert en waarde van 1781 - „5 . . . . . . . . .- ssel Leq: boek houder catta besluijt ter zending van 2. Leggers arak en eenige ammonutie goederen - - - - - -- „ last om niet voor uijtgenotene door nevens gem: tandel in Cas te doen tellen - - - - - „ En bij wijgering van dien zijn thonij te arres„ Wat dezelve betelzen - - - - . . . . . . . f„o teeren. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ wat den Sadrasp: secunde Simons aan de porto„ novose Kooplieden gelast heeft te doen.. „ het antwoord door haar gegeven. . . . . . . .„ besluijt daar van aanteekening te houden - - - - „ En wat men van de ijver van simons zal ver„ wagten. . . . . . . . . . . . . . . „ 163. Gedaan verzoek door simons om 1. loodlijn, 1. half uurs glas en 500. pag: - - - - - - - - „ 163. besluijt hem 300. pag: nevens de 2. andere ar„ resumptie van een specificatie van gedaane ongelden door Wouter Pietersz:. . . - - - - „ 164 besluijt om pag: 31: 3. 35. ter afschrijving te ap„ En wegens nevens gem: Extraord: ongelden, voor aff de qualificatie van W: H: Ed: te verzoeken„ Gedaane Verstrekking aan de princessen van ticuls toetezenden - - - - - - - - - - - - „ 164. de Zon van pa/o 196. - - - - - - . . . . „ 166. Onder welke belofte wegens dies restitutie - - - „ 167. probeeren. . . . . . . . . . . - - „ 156 En 260. En bij manquement van dien Ceijlon aante„ reekenen - - - - - - - - - - - den 29. September ontvangst eener brief van Simons uijt het bosch van Moddepalem. . . . . . . . . „ 169. wat denzelven daar bij bedeelt en verzoekt - - - „ 170. besluijt voor eenigen tijd van Portonovo opte„ deliberatie daar over. . . . . . . . . . . . . . „ 171. breeken - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 172. En simons te gelasten met de Cooplieden dit mitsg:s alle de pions op 2: na afte danken - - - - - - „ 173. die nevens den Vlaggeman aldaar te laaten - - - - „ 173. productie eener Translaat brief van den Albe„ ontvangst daar nevens van een quitantie van besluijt daar op 15000. pard. s te verstrekken „ 179. En van de nader verzogte 75000. pard. s beleefde„ besluijt de nevens gem: eerkleederen aan den Heer productie eener brief van den Heer Ceijlons Gou„ schik van Tansjour. . . . . . . . . . . . . . „ 174. Jnsertie van het zelve. - . . . . . . . . . . - „ 174. Gouverneur aftestaan. . . . . . . . . . . „ 180. heen te koomen - - - - - - - - - - - - - - „ 172. En uijt wat hoofde - - - - - - - - - - - - - - „ 180. lijk te Excuseeren, - - . - . . . . . . . - - „ 179. den Vorst. . . . . . . . . . . . . . . „ 179. verneur. . . . . . . . . „ Jnsertie De Edele Heeren Gecommitteerde Bewindhebberen te Eerste Assignatie No. 10. f„o 167. f„o „o 1782. te doen zijnde:/ ter keul alle zulx in de Bank, waa id en Abra„ Gemagtigden so Guldens, Twaalf alhier aan 't Carolina Theodora Ja Cruijda Prins reedenen onder en, en in 's Comp cht en Dertig ou es á 90. Stuiver. e Rabat, die in yf hondert en waarde van pd 1781. „ 180 boek houden E8g: Indische. rende de G „ Jnsertie derzelve. verzoek om het noodige aan de Princessen van de zon te laaten verstrekken. . . . . . . . . . „ besluijt om aan haar nog 250. pag: te laaten af„ geeven - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -„ arrive van een Chialoup van Jafna om die princessen aftehaalen. . . . . . . . . . . „ besluijt om eenige apartenentjes in die sloep te En tegens wanneer zij zouden kunnen vertrekken„ overlegging van een Translaat geschrift van den lectuura en Jnsertie van het zelve Welke propositien en beloften den Nabab Haijder remarque dierweegens.. . . . . propositie om Copia authenticq van die voorslag En daar van aan dien Nabab kennisse te geeven. . „ Wat men intusschen van zijn Hoogheijd ver„ dienaar Jnlappa,. Ali, daar bij laat doen - - - - - - - - - - -- „ na Batavia te zenden - - - - - - - - - -„ Vervolg. - . - - . laaten maaken. . . . . . . . . . . . . . . . . „ trouwt - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ besluijt met die propositie te Conformeeren. . . -„ en eenige geschenken aan den Vorst te zenden„ gegeevene kennisse door Deneijs van de voorgevalle„ ne slagtusschen de armee der Engelsen „ haijder ali„ verzoek. .. fo -- .. ... . - . .

NL-HaNA_1.04.02_3569_0197 view scan ↗

English

261 Request for orders how to behave folio 195. when the recognition money is demanded by the Nabab folio 195. resolution, upon making a proclamation, to give a present to such person folio 196. and when the term has expired, to deliver the lease money under receipt folio 197. yet under what conditions folio 197. private news received concerning the descent of the Marattas folio 198. and a corps of 3000 horses of Haijder Alichan folio 198. orders already given in that regard to the chiefs of the Northern Factories folio 198. insertion of that circular letter folio 199. authorization already granted to Bimilipatnam to enter into a 5-year contract with the Princes folio 204. long-awaited answer thereto folio 204. proposal to impose a fine on the servants on that account folio 205. resolution to condemn each of them to a fine of 2 months salary folio 206. remark not to expose the Company's money to any danger in this dangerous time folio 195. deliberation in that regard folio 195. time not to expose to any danger continuation proposal to suspend the entering into of the aforesaid contract folio 206. resolution to instruct the Bimilipatnam chiefs to suspend the same if the same has not already been concluded and to consider the previous orders given in that regard as revoked the 9th of October receipt back of the letter written to the Nabab Haijder Ali folio 220. resolution to keep a record thereof folio 221. production of a letter from Topander folio 221. insertion thereof folio 221. resolution to answer the same in the next few days folio 222. and under what assurance folio 222. receipt of the answer from Simons concerning his coming over hither folio 221. resolution to keep a record thereof folio 222. the 14th of November evidence from 2 receipts of how much the princesses have enjoyed of the sun folio 223. resolution to charge that amount to Ceijlon folio 224. along with some other expenses incurred folio 224. production of a translated letter written by the Minister of the Theuver folio 224. 262 resolution to reject the money or ammunition requested therein folio 232. and under what written directives folio 232. discovery that the Bimilipatnam chiefs have issued 55000 rupees in merchandise to the high servants of the princes folio 232. and that on an uncertain basis folio 233. insertion of that translation folio 225. deliberation thereupon folio 231. resolution to leave that amount for the account of those chiefs folio 234. remark concerning the prohibition already made regarding the leasing of Bimilipatnam folio 234. resolution to persist therein folio 235. scruples raised over the delivery of 4050 rupees to the Visianagaram Princes folio 236. and the customary annual present of 100 new new pagodas folio 236. resolution to demand elucidation in that regard folio 237. production of a letter for the Nabab Haijder Alichan folio 238. insertion of the same folio 238. resolution to conform thereto folio 245. and to have the presents mentioned therein prepared folio 246. notice given by Deneijs of the robbery [illegible]

Dutch transcription

261 Verzoek om ordres hoedanig zig zal hebben te Ge„ dragen - - - - - - - - . . . . . . . . . . f„o als de recognitie penn: door den Nabab gevordert worden. . . . . . . . . . . . . . . . besluijt bij te doene proclamatie, aan een zoodanig per„ soon een geschenk te geeven, en als het termijn gepasseerd is, de pagt pen: onder quitantie aftegeeven dog met wat mits-.. . . bekomene particuliere tijding van den afkomst en een Corps van 3000. paarden van Haijder Ali„ bereeds gegeevene ordre dierweegens aan de opper„ hoofden der Noorder Comptoiren - - - - - - - „ 198. Jnsertie van die Circulaire brief. . . . - - - - - „ 199. reeds Verleende Qualificatie na Bimilip: tot het aangaan van een 5. Jaarig Contract met Lang verwagte antwoord daar op. . . . . . . - „ 204. Propositie om de bediendens dierweegens een besluijt haar ieder in een boete van 2/m: gagie te Remarque om sComp. s geld in deeze dangereuse deliberatie dierweegens. . . . . . . . . . . . . . . „ 195. boete op teleggen. . . . . . . . . . . . . . „ 205. Condemneeren. . . . . . . . . . . . . . . „ 206. der Marattijs. . . . . . . . . . . . . . „ 198. de Princen. . . . . . . . . . . . . . . . . „ 204. chan. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 198. 197. 195. 195. tijd/ De Edele Heeren Gecommitteerde Bewindhebberen te Eerste Assignatie No. 10. rende de G Indische. A„o 1782. ten doen zijnde:/ ter keul alle zulx in „ de Bank, waa id en Abra„ Gemagtigdens Guldens, Twaalf alhier aan 't Carolina Theodora Ja Aruijda Prins reedenen onder in, en in 's Comp cht en Dertig ou es à 90. stuiver. C Rabat, die in vyf hondert en waarde van 1781 - Rossel heq: boek houder) -- - - - - „ „ 197. 196. „ . „ „ „ tijd aan geen gevaar te Exponeeren- Vervolg - - - - - - - - - - - - - - - - - - - propositie om het aangaan van het voorsz: Con„ tract te staaken..... Besluijt de Bimilip: opperhoofden te gelasten, om het zelve te staaken - - - - - - - - - -„ zoo het zelve niet bereeds geslooten is. - - - - - - „ en de Voorige gegeevene ordres dierw. s voor ingetrok„ ken te houden. . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ den 9. October te rug ontvangst van de brief aan den Nabab Haijder Ali geschreeven - - - - - - - - - - - - „2 besluijt daar van aanteekening te houden - - - - „ 21 productie eener brief van Topander - - . . - - „ Jnsertie derzelve. . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ besluijt dezelve eerstdaags te beantwoorden - - - - - „ en onder welke verzeekering. . - - - - - - - - - „ ontvangst van het antwoord van simons we„ gens zijn overkomst alhier - - - - - - - - - „ 221. besluijt daar van aanteekening te houden, - - - - . „ 222. den 14. November blijking uijt 2: Quitantien hoe veel de princes„ 223. sen van de zongenoten hebben. . . - - - - - „ besluijt dat bedragen Ceijlon aantereekenen. . . . . „ 224. nevens eenige andere gedaane ongelden Productie eener Translaat brief door den Mi„ . - - „ 224. nister 1 fo 206 2 220 262. besluijt het daar bij verzogte geld of ammonitie En onder welke aanschrijvens . . . . . . . . . . „ 232. ontwaaring dat de Bimilip: opperh: voor 55000. rop. s aan Coopmansz: aan de hooge bediendens van de besluijt dat bedraagen voor reek: van die opperh: nister van den Theuver geschreeven. . . . . . . f„o 224. princen afgegeeven hebben - - - - - - - - - - - - „ 232. En dat op eene onzeekere Voet - - - - - - - - - - „ 233. Jnsertie van dat Translaat, - - - - - - . . . . . . „ 225. van de hand te wijzen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 232. deliberatie daar over. . - - - - - - - - - - . . . . . . „ 231. te laaten. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 234. Remarque over de reeds gedaane interdictie weg. s het in pagt neemen van Bimilip. . . . . . . „ 234. gevallene bedenking over de afgave aan de Visianagaram: En het gewoon Jaarlijx geschenk van 100. N:o N:o pag: „ 236. besluijt dierweegens Elucidatie te vorderen - - - - - - „ 237. productie van een brief voor den Nabab Haijder besluijt daarbij te persisteeren. . . . . . . . . . . . . . „ 235. Princen van 4050. rop:s. . . . . . . . . . . . . „ 236. Alichan. . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 238. besluijt daar meede te conformeeren. - - - - - - - „ 245. en de daar bij gem: geschenken in gereedheijd te laaten gegeevene kennisse door Deneijs van de berooving Jnsertie van dezelve. . . . . . . . . . . . . . „ 238. brengen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 246. en De Edele Heeren Gecommitteerde Bewindhebberen te Eerste Assignatie No. 10. erende de G Indische. A„o 1782. te doen zijnde:/ ter keul alle zulx in „ de Bank, waa id en Abra„ Gemagtigdens Guldens, Twaalf alhier aan 't Carolina Theodora Ja Cruijda Prins leedenen onder en, en in 's Comp cht en Dertig ou es á 90. stuivers o Rabat, die in vyf hondert en waarde van no 1781 „ sel heq: boek houden

← previousnext →