Inventory 3738
Japan · 625 pages · 347 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
Samarang the 9: August A:o 1734 Samarang The 9: August d: 10 pag: 173: 8: That it was now about a month ago, when the said Chinese, having departed with a barkentine from the capital to here, and having approached the latitude of Cheribon, was forced there on account of a continuous headwind to drop his anchor. That shortly after this, overtaking him and also coming to anchor near him, was a very large English ship, which directly launched its boat and rowed alongside the bark, into which small craft two of the English crossed over, one of them requesting that he be lent a mate who possessed the necessary skills to show him the way to Samarang, as he pretended to intend to set course thither, in order to provide himself there through the purchase of a lot of bird's nests and therewith to continue his journey to China. — Yet the aforementioned Chinese juragan had refused to give up such a mate, saying he well needed him himself: whereupon the Englishman repeated that the Chinese should then give him one of the crew who could serve him as a pilot to Samarang, threatening that upon refusal thereof he would fire upon his bark, subsequently taking by force a Javanese passenger by the name of Noijo from on board and bringing him to his vessel. —. But this Noijo had feigned the simpleton and the ignorant so well on the English ship that the Englishman could achieve nothing with him, and consequently out of impatience sent him back to the bark, saying he would go to Palembang to buy rice, whereupon shortly thereafter he weighed his anchor and set sail, keeping course to sea, nothing further having been heard of him along this coast as far as is yet known, which causes me to maintain that he apparently wants to go to the other side and possibly has the intention to pursue his advantage there on the occasion of the troubles with the Johoreans and to fish in troubled waters by shamefully assisting them both with provisions and munitions of war, to which, as experience has shown in many cases, they are not at all averse. Meanwhile, should he appear again along this coast and commit any hostilities against good traders, I shall at the earliest Samarang the 9th August A:o 1734 Samarang the 9th August A:o 1784 pag: 755. give your High Nobilities the due notice thereof. Having been informed by the resident at Souracarta of the decease of the Lieutenant of the Infantry Johan Joseph Haaze, who served there, and consequently such a position having become vacant, I most humbly take the liberty to recommend to your High Nobilities in his place, in the most favorable terms, the supernumerary Ensign Leonard Johannes Jacobus Immink serving at Cheribon, to the end that it may please your High Nobilities to favor him with the rank of Lieutenant, to perform his service as such at Souracarta. While for the rest, with deep veneration, obedience and submission, I have the honor humbly to call myself /:underneath stood:/ Title /:lower:/ your High Nobilities' very obedient and faithful servant /:was signed:/ J: Feberg /:in the margin:/ Samarang the 9th August A:o 1784. The deponent declares it to be true and truthful that about a month ago he departed from Batavia with a bark, and on the voyage hither, at the latitude of Cheribon, having dropped anchor due to contrary winds, shortly thereafter there also came to anchor near him an English ship that was quite large; directly launching its boat and rowing alongside the deponent, two Englishmen came across to him; one of whom requested to be lent a mate who was capable of showing him the way to Samarang, as he intended to set his course thither, in order to purchase a lot of bird's nests there and therewith go to China, but the deponent refused to give up such a mate, saying that he well needed him himself, whereupon the Englishman repeated that he should then give him one of his people who could serve him as a pilot, or that upon refusal thereof he would fire upon his bark, whereupon he took a Javanese passenger named Nojo from on board by force, but he, playing the simpleton, could achieve nothing with him, and becoming impatient he sent him back to the bark; saying that he would go to Palembang to buy rice; whereupon he weighed his anchor and set sail to sea without giving more Copy of report by the Chinese Oei Siamko, concerning the encounter with an English ship, at the latitude of Cheribon, on his return from Batavia to Java. overleaf declaring
Dutch transcription
Samarang den 9: Augustus A:o 1734 Samarang Den 9: Augustus d: 10 pag: 173: 8: Dat het nu Circa een maand geleeden, was, wanneer, din ge„ „melden Chinees, met een Barkentijn van de Hoofdplaat, naar Derwaards vertrokken en tot op de voogte van Cheribon gena„ „derd zijnde aldaar uit hoofde van een doorstaande tee„ „gen wind gnootzaakt was geworden zijn Anker te Laa„ „ten vallen. Dat kort hier na, hem opgevaelt en meede bij denselven ten anker bekoomen was, Een zaij Groot Engelsch Schip, welke direct zijn schuijt uijttkeltede en aanboord van de Barckroeijde, op welk kieltje twee der Engelshe over„ „kwaamen versoekende een van dezelve, dat men hem een Stuurman zoude Leenen, welke de nodige bekwaamhee„ „den had hem de weg naar Samarang te wijzen vermits, zij voor gaff voorneemens te zijn, Cours naar derwaards te Betten, ten eijnde zig aldaar door inkoop van een par„ „thij dogelnesjes te Voorzien en daar meede zijn Reijs naar China te Vervorderen. — Dan den Voorschreeven Chineese Juragan had geresu„ „seerd sodanig een stuurman afte geeven, zeggende die zelfs wel nodig te hebben: waar op den Engelsman her„ „haald had, dat hij Chinees hem dan een van 't scheepsvolk zoude geeven, welke hem tot loots naar Samarang zoude kunnen verstrekken onder bedrijging van bij weijgering van dien, op zijn Barck te sullen losbranden, neemende vervolgens met gemeld een Iavaans passavier in naame Noijo van Boord en bragt dewselven naar zijn Bodem. —. Dog deese Noijo had op het Engelshe schip soodanig de onnosele en onkundige wieten na te boot„ „sen dat den Engelschman met hem niets had kon„ „nen uijtregten en Overvolgens uijt ongeduld naar de Barcq te rug zoud zeggende naar Palembang te zullen gaan, om Rijch te koopen, waarop hij kort daar na zijn anker ligtede en onderzeijl ging Cours „houdende naar zee, hebbende men langs deese Cust Voor zoo verre nog bekend is niets naders van 'den„ „zelven vernoomen, 't geen mij doet sustinee„ „ren hij apparent de wil naar de Overwal en mogelijk de intentie zal hebben, aldaar bij geleegendheid der troubles met de Joha„ „reesen zijn voordeel te bejaagen en in troubel water te visschen door hen op een schandelijke wijze, soo wel met vivoes als ammonitie van Oorlog te adsisteeren, waar van zij zoo als de ondervinding in veele gevallen geleerd heeft, gantsch niet advens zijn, ik zal intusschen, soo hij zig weeder langs deese cust mogt vertoonen en eenige Hoptiliteiten aan den goeden Handelaar pleegen uw Hoog Edelheedens daar van ten Eer„ in „sten Samarang den 0„e Augustus A:o 1734 Samarang den 9„' Augustus A:o 174 pag: 755. „sten de verschuldigde kennis geeven. Door de geresident te Souracarta mij bedeeld geworden zijnde het overleijden van den aldaar gemileteerd hebbende Lieutenand der In„ „fanterij Johan Ioseph Haaze, en gevolgelijk soodanig In plaats sinde koomen te vaceeren, soo neem ik nedrigst de vrijheid uw Hoog Edel„ „heedens in dies steede op het gunstigst voortedraa„ „gen, den te Cheribon Supernumerair dienst „ doende Vaandrig Loonard Johannes Ia„ „cobus Immink ten Eene het uw Hoog Edel„ „heedens gelieven te behaagen hem met de qualiteid van Lieutenant te begunstigen om als sodanig te Souracarta zijn dienst te presteeren. terwijl ik overegens met diepe ve„ „neratie, obedientie en submissie d' Eere hebbe wij nedrig te noe„ „men /.onderstond:/ Titul /:Lager:/ uw. Hoog Edelheedens zeer gehoorzame en trouw schuldige Dienaar /: was ge„ „teekend:/ J: Feberg:/ in margine./ Samarang den 9:' Augustus A„o 1784. Den relatant verhaald waar en waaragtig te zijn, dat hij nu circa een maand geleeden met een Bark van Batavia vertrokken is, en op de herwaards rheijse op de hoogte van Cheribon, door Contrarie wind het anker hebbende laaten vallen, kort daar na meede aldaar bij dem ten anker kwam Een Engels schip dat vrij Groot was; zettende di„ „rect zijn Schuit uit, en koeijde tot aanboord van den relatant, koomende er twee Engelsche bij hem over; een van welke versogt om hem een stuurman te leenen, die instaat was hem de weg na Sama„ „rang te wijsen, dewijl hij Voorneemens was zijn Cours derwaards te zetten, ten eijnde aldaar een parthij vogelnesjes in te koopen en daar meede: na China te gaan, dog den Relatant Wijgerde sodanig een Stuurman aftegeeven, seggende dat hij die selfs wel nodig hadde, waar op den Engelsman herhaalde dat hij hem dan een van zijn Volk zoude geeven, die hem tot loots zoude kunnen verstrekken, of dat hij bij wijgering van dien op zijn Bark soude losbranden waar op hij met geweld een Javaanse passagier genaemt Nojo, van Boord nam, dog deede de onnobele speelende kon hij niets met hem uitregten, en ongeduldig wordende zond hij hem terug naar de Bark; zeggende dat hij na Palembang zoude Gaan om rijst te koopen; waar op hij zijn anker ligtende en naar zeer ondersijlging zonder Copia Relaas tegeeven door den Chinees Oei Siamko, con„ „cerneerende de Rencontre van een Engelsch schip, op de hoogte Van Cheribon, in zijn retour„ van Batavia naar Iava. verte verklaarende meer
English
The 9th of August A:o 1784 Samarang Samarang the 16th of August A:o 1784 Page 77: The Deponent further declaring that he is ready to confirm under solemn oath at all times, if required to do so, this narrative given by him. Was written below: Done at Samarang the 6th of August 1784. Written lower: the signature placed by the Chinese Juragan Oei Siamko, beneath which: In my knowledge, was signed: W:m Kerkman Sec: Batavia: To His High Excellency The High Noble, Right Honorable, Grand, Venerable Lord M:r Willem Arnold Alting Governor General, The Noble Right Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies. etc. etc. etc. High Noble, Right Honorable, Grand Venerable Lord and Noble Right Honorable Lords. With the ship De Zilvere Leeuw, departing today for the Indies capital, I respectfully take the liberty of transferring to Your High Excellencies' disposition a certain Sappa Sjech Melino, a subject who has resided in the Emperor's lands near Mount Sendoro, causing much agitation among the common Javanese on the coast, several of whom from Kaliwungu, Kendal, as well as Batang have already joined him, Samarang the 16th of August A:o 1784 Samarang the 16th of August 1784 Page 79: joined him, as he managed to lure them to himself, both by arranging Ronggeng dance performances and by deceitfully pretending that he possessed the power to make honeybees and tigers appear at his mere call, acting at the same time as a witch-doctor, distributing remedies to the simple Javanese to gain the Governor's favor, and by that means to obtain an Ngabehi's or Tumenggung's post, or also to be able to continue undisturbed in their offices, alongside other deeds; from which his intention appeared quite clearly, to gather a following, and to increase and enlarge it more and more among the native population through his false pretenses, and because for that reason I could and should not regard the aforesaid Sjech Melino in any other light than as an object that could be very dangerous to Java's peace and quiet, and whose longer stay on this Coast had to be prevented as much as humanly possible. Thus, shortly after the receipt of the reports charging him, upon the request made to that effect, he was apprehended by the Emperor and subsequently transported hither; feeling myself thus bound and obliged to respectfully request Your High Excellencies that this very suspect and dangerous individual may be removed from Java forever. I have furthermore the honor to be, with deep respect, veneration, and submission, was written below: Title, lower: Your High Excellencies' most obedient and faithfully devoted Servant, was signed: Aelberg, in the margin: Samarang the 16th of August A:o 1784. Samarang the 4th of September A:o 1784 Samarang the 4th of September A:o 1784 Page 81: Batavia. To His High Excellency The High Noble, Right Honorable, Grand, Venerable Lord M:r Willem Arnold Alting Governor General, The Noble Right Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies etc. etc. etc. High Noble, Right Honorable, Grand, Venerable Lord and Noble Right Honorable Lords I have already had the honor to inform Your High Excellencies in my humble separate letter of the 24th of the past month of July of my return from Java's Eastern Salient, and shall now also endeavor to fulfill my duty and obligation by giving Your High Excellencies a brief and succinct account of such matters as have principally occurred to me, both on the journey and during my stay in the Eastern Salient as well as at Surabaya, and which I deem necessary to bring to Your High Excellencies' knowledge and attention; but before I proceed to this, I must first, with the addition of some other matters, formally answer the points from the respected missives of Your High Excellencies of the 22nd of March, 14th and 19th of May last, which thus far had to be postponed both for obtaining their settlement and due to the hindrance of my journey; and I trust, in the first place regarding the article of Ships and Vessels, that with the loading and dispatches of the ships Overduijn, Ritthem, and Europe, which have successively returned to the capital, Your High Excellencies' expectations will have been met to satisfaction; which, however, could not take place with regard to De Wakkerheid, because it has not yet appeared. With regard to the ship De Bovenkerkerpolder, recently arrived here, and those which were still to follow for the collection of rice, the orders for their speedy loading and dispatches will likewise be complied with as far as practicable, but as there are presently nowhere at the offices any significant remnants of the previous year's crop on hand, and
Dutch transcription
Den 9„e Augustus A:o 1724 Samarang Samarang den 16. Augustus A:o 1734 Pag 77: Verklaarende den Relatant overigens berijd te zijn dit zijn gegeeven Re„ „laas ten allen tijden des gerequireerd wer„ „dende met solemneele Eede te beves„ „tigen. /:onderstond:/ Actum Samarang den 6. Augustus 1784 /:Lagerstond:/ de handteeke„ „ning gesteld door den Chineese Jurragan Oei Siamko, daer onder Jn kennisse van mij /was geteekend:/ W:m Kerkman Sec„ Batavia: Aan Sijn Hoog Edelheid Den Hoog Edel; Gestrenge, Groot, Achtbaeren Heere M:r Willem Arnold Alting Gouverneur Generaal, De welEdele Gestrenge Nee¬ „ren Raaden van Neederlands Jndia. en 3: enz: enz: Hoog Edel, Geste, root Achibaere Haer en Wel Edele Gestrenge Heeren. Met het op heeden naar Jndiasch Hoofplaat, Ver„ „trekfende schip De Zilvere Leeuw, neem ik Eerbiedig de Vrij„ „heid ter dispositie uwer Hoog Edelheedens derwaards te laaten overgaan zeekere Sappa Sjech Melino, Een sub„ „fect dat zig in de Landen van den keijser bij den Berg Sendoro heeft opgehouden, maakende zeel beweeging onder den gemeene Iavaen aan de Stranden waar van 'er al eenige soo van Caliwongoe, Candal, als Batang Big reeds bij hem Dre ƒ en Vervoegden, Samarang Den 16„' Augustus A„o 1734 Samarang den 16. Augustus 1743 ag: 79:: Vervoegden, alsoo sij dezelve tot zig wist te lossen, soo wel door het aanleggen van Tandaks speelen, als door op ene bedriegelijke wij ze vootegeven, dat hij het vermoogen bezat, om op zijn enkel Geroep Honing=Bijen en Tijgers te doen voorkoomen, ageerende te gelijk als een tover„ „doctor, in aan den onnoselen Iavaen middelen uijt te deelen, om des Gouverneurs gratie te gewinnen, en door diens weg een Ingabeijs of Tommongongs plaats te obtineeren, ofte ook in hunne bedieningen ongestoort te kunnen Continueeren, neevens meer andere bedrijven; waar uijt niet onduijdelijk bleek zijne inten„ „tie, om een aanrang te maaken, en die hoe langs hoe meer door sijne zalsche Voorgeevens onder den inlander te Vermeer„ „deren en te Vergrooten, en wijl ik uit dien hoofde voorsz: sijech Molino, in Geen andere graad heb kunnen nog moogen be„ „schouwent, dan als een Voorwerp dat voor Javas Ruest en Zuee„ „de zeer gevaarlijk zoude kunnen zijn, ent wiens Langer verblijf op deeze Cust zoo veel immers mogelijk moeste werden geprevenieerd. soo is denselven ook kort naar het inkoomen der ten zijnen lasten loopende berigten op 't des„ „weegens Gedaan versoek, door den keijzer geapprehendeerd en vervolgens herwaards getransporteerd; s sinde mij dus gehou„ „den en verpligt, Eerbiediglijk van uw Hoog Edelheedens te versoeken. dat deese zeer suspecte en gewaarlijke topen voor altoos van Java mog verwijderd blijven. Ik hebbe overigens de Eere met diep ontzag, veneratie en submissie te zijn /:onderstond:/ Titul /: Lager:/ uw„ Hoog Edelheedens zeer gehoorzamen en trouw schuldigen Dienaer /. was „geteekend:/ Aeberg. /: in mar„ „gine :/ Samarang den 16: Au„ ugjustus A„o 1784. 6 die Samarang Den 4:' September A„o 1734 Samarang Den 4: September A:o 1734 pag: 81:5 Batavia. Aan zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edel, Gestrenge Groot Achtbaeren Heere M„r Willem Arnold Atting! Gouverneur Generaal, De welEdele Gestrenge Hee„ „ren Raaden van Nee„ „derlands India en z: en z: enz: Hoog Edel, Gestrange, Froot, Achtbaeren Heere en WelEdele Gestrenge Heeren Ik hebbe bereeds de Eere schad uwe Hoog Edelheedens bij mijne submissie aparte Letteren van den 24:' der Gepasseerde maand Iulij kennisse te leeven, van mij„ „ne terugkomste uit Javas Oosthoek, en sal thans aan mijn pligt en gehoudenisse ook tragten te beantwoorden, met uwe Hoog Edelheeden een kort en saakelijk ver„ „slag te doen, van sulke saaken die mij ten principaale, zoo op de reise als geduurende mijne op„ „onthoud in den Oosthoek dan wel te Sourabaijae sijn Voorgekomen, en die ik nodig oordeele ter kennisse en onder het oog uwer Hoog Edelheeden te moeten brengen; doch eer ik hier toe treede, moet ik alvorens met bij voegin„ „ge van eenige andere zaaken formeel beantwoorden de poincten, die voor als iet de Gerespecteerde missives uwer Hoog Edelheeden, van den 22: Maart 14: en 19: meij Iongstleeden. zoo tot de Verkrijginge van derselvers beslag, als door de Verhinderinge mijner reijse, dus ver„ „re hebben moeten worden uitgesteld, en Vertrouw ik in de eerste plaats ten aansien van het artikul van. Scheepen en Vaartuijgen, dat met de belaading en depeches der successive na de hoofdplaats be„ „reeds te rug gekeerde scheepen Overduijn, Ritthem en Europe aan de Verwagting uwel Hoog Edelheeden tot genoegen sal Sijn voldaan 't geen egter omtrend de wakkerheid geen plaats heeft konnen vinden, om reedenen het selve voor als nog niet is koomen opdaegen. Met opsigt van het alhier onlangs gearriveerd schip de Bovenkerkerpolder; en di geenen, die tot den afhaal van Rijst nog stonden te volgen, sal insge„ „lijks aan de orders tot derselvers spoedige belaading en depeches zoo veel doenlijk is worden voldaan, doch thans nergens op de Comptoiren eenige naam waardige Restanten van het voorjarig gewasch meer aanhanden en onthoud sijnde
English
Samarang, 4 September 1734 Samarang, 4 September in the year 1734, page 83 As the rice from the new crop is only now gradually beginning to come in, of which there is also as yet little in stock, I trust that Your Right Honourables will be most favorably pleased to overlook it if the vessels that are to be laden with it must tarry on Java somewhat longer than ordinary, for the reason that the husbandman is only now busy pounding his harvested paddy; while I most respectfully note that I have issued orders that, upon the arrival of the ship De Vriendschap expected from Bantam, it shall be given in the Eastern Quarter as much rice as it can request. The rice crop, notwithstanding the general apprehension that resulted here in the spring on account of the drought prevailing at that time, having turned out better in some places, through the rains that subsequently fell from time to time, than could have been expected, has nevertheless not succeeded very favorably in the Paccalongan district and also in some districts in the Eastern Quarter, and in general is not as abundant as in the past year; although I can nevertheless assure Your Right Honourables that the quantity collected and still being harvested will be sufficient to furnish what is required both for the Capital and for the West Indies and those eastern trading posts; while use will be made of Your Right Honourables' authorization to have the rice for Batavia transported by private vessels on freight in the event of a lack of shipping space; just as was also already done successively in the past spring with the purchased One Thousand Lasts, and regarding which I trust that the High intention will have been satisfied. The prohibition on the export of rice and paddy, not only to Johor and Riouw, but also to other places from where it could be carried thither, and thus to the entire opposite coast, having been published and posted everywhere along the coast here, that ban shall also remain in effect for as long as Your Right Honourables shall not be pleased to dispose otherwise concerning it; although I must remark in this connection that not only does this prohibition result in considerable prejudice to the resident Javanese traders, but moreover it is to be feared that if it remains in effect, it will cause an unpleasant diminution in the upcoming farming out of the Company's Domains and Tolls along Java. Meanwhile, the strictest supervision is kept here and also at the subordinate trading posts to ensure that no rice or paddy is transported to the opposite coast other than what the crews of those departing vessels require for their own consumption on the voyage. Samarang, 4 September in the year 1734 Samarang, 4 September in the year 1734, page 85 Pursuant to the permission granted by Your Right Honourables for the private transport of rice to Malacca and Palembang, in such quantities as was deemed necessary there for own consumption, the community was already informed of this in the early spring and encouraged, with orders, however, to those who are inclined to sail thither with their vessels to appear at the Samarang roadstead by the end of this month of August, in order to undertake the voyage to the aforementioned places armed and combined, under the convoy of two small galleys which I have had built for that purpose and subsequently for cruising against the pirates along this coast, and which they are busy equipping here with sails, rigging, and other necessities; in order thereby to prevent, as much as possible, the Johor people and other enemies of the Company from providing themselves with that food so most highly necessary to them by seizing isolated departing private vessels laden with rice. But since the native in general is averse to all such arrangements and measures, notwithstanding that one tries to convince them of the good intention meant by it, while also offering the payment of 80 to 85 Rixdollars per koyan ordered by Your Right Honourables to the Malacca ministers, the natives nevertheless do not seem inclined to it, as thus far no one from the subordinate trading posts has yet presented himself; wherefore I have judged it necessary to extend the time of departure until the end of next September, by which time the Samarang Captain of the Chinese, Tan Lecko, intends to designate 2 to 3 of his vessels for Malacca, at which time others will also perhaps be inclined to do so. Meanwhile, I have caused the necessary instructions to be drafted for these persons and the commanders of the galleys, a copy of which I take the liberty of presenting herewith, in the hope of Your Right Honourables' approval; and as necessity will also require that, besides placing 1 to 2 European sailors on the private vessels, the small galleys be provided each with 12 to 14 heads of such seamen besides the natives, and over the same a vigilant and capable person ought indeed to be appointed as Commander, who
Dutch transcription
Samarang Den 4: Septembr 1734 Samarang Den 4:' Septembr A:o 1734 pag: 83: sijnde, en de Rrijst uit het nieuwe bewasch eerste de uc„ „cessive beginnende intekoomen waar van 'ar ook Voor als nog weinig in Voorraad is, Vertrouw ik dat uwe Hoog Edelheeden tunstigst sullen gelieven te passeeren, bij aldien de kielen die daar mede moeten belaaden worden, wat langer dan ordinaialop Iava komens te vertoeven, om reeden dat den Landman nu eerst beesig is sijn inge„ „samelde Padij te Stampen, terwijl ik eerbiedigst no„ „teere dat ik orders gesteld heb om bij opdaaging van het van Bander verwagt wordend Schip De Vrrend„ „schap, pet selve in den Oorthoek Soo veel Rijst im te geeven, als zal konnen versoeken. Het Rijst Gewasch, niet tegenstaande de algemeene bedugting die en daar voor in het voorjaar kwam te de„ 60 „sulteeren weegens de toen ter tijd vexteerende droogte op Sommige plaatsen beeter uitgevallen zijnde, door de Vervolgens dan tijd tot tijd gevallen reegens, als men had kunnen verwagten, is het Egter daar meede in het Pac„ „calongangse, en ook Sommige districten in den Oosthook niet seer favorabel geslaagd en in 't algemeen miet zoo opulent dan in het Gepasseerden Iaar, schoon ik uwe Hoog Edelheeden egter verseekeren kan, dat de ingesamelde en nog geoogst wordende quantiteit voldoende sijn sal om het benoodigde soo voor de Hoofdplaats als die voor de west Indie Dsintendictie op den uitvoer van Rijst en Padij niet alleen naar Iohor en Riouw, omaar ook na andere plaatzen van waar deselve na derwaards soude kunnen worden gebragt, en dus na de geheele over„ „wal, hier ter kuste alomme gepubliceerd en g'affigeerd sijnde sal dat verbod ook voor soo lange blijven stand houden, tot dat uwe Hoog Edelheeden dien aan„ „gaende andars sullen gelieven te disponeeren, schoorn ik hier bij aanmerken moet dat niet alleen die inter„ „dictie de Ingeseetene Iavasche Handelaars merkelijk tot nadeel strekt, maar het daar en boven te drugten is dat deselve ook indien blijft standhouden, eene onaangenaame demunitie geven sal, in de aanstaande verpagting van 'sCompa„ „gnies Domainen en Thollen Langs Iava; ondertusschen word hier en Ook op de onder„ en die oostersche Comptoiren, te konnen fourneeren, ter„ „wijl er van de qualificatie uwer Hoog Edelheeden, om bij gebrek aanscheeps ruijmte; de Rijst voor Batavia met particuliere Vaartuijgen op vragt te laaten ver„ „toeren, gebruijk Sal worden gemaakt; invoege ook al„ „bereede Successive in 't gepasseerde voorjaar met de ingekogte Een Duijsend Lasten is Geschied, en waar omtrent ik vertrouwe dat aan de Hooge intentie zal zijn voldaen. en „hoorige Samarang Den 4:' September A„o 172 Samarang Den 4„' Septembr A:o 174 Dag: 85:„ „hoorige Comptoiren een aller benaauwste toesigt ge „houden dat er anders geen verijst nog Padij na de overwal word vervoerd dan wat de Equipagie dier ver„ „trekkende vaartuijgen tot eijgen Consumptie op de Reijse nodig hebben. Ingevolge de door uwe Hoog Edelheeden gegeeven permissie tot den particulieren Wervoea Van Rijst naar Malacca en Palembang, in soo terre als men tot eijgen Consumptie aldaar oordeelde benoodigd te zijn is de gemeente al in het vroege voorjaar daar van gein„ „formeert en aangemoedigd geworden, met order egter aan de geenen die geneegen sijn derwaards te Steevenen met hunne vaartuijgen teegens ultimo deeser maand Augustus ter Samarangsche Rheede te verscheiden ten einde gewapenden gecombineerd, onder Convooij van twee Galeijtjis, die ik daar toe en vervolgens ter be„ „kruijssinge teegens de zeerovers langs deese kust heb laaten opbouwen, en waar, meede men hier beesig is deselve van zeijlen traijl en het verder benoodigde te voorsien, de reijde na de opgemelde plaatsen aan te neemen, om daar door soo veel doenlijk is voor te koomen, dat sig de johorreesen en andere Com„ „pagnies vijanden, door het owegnemen en van En„ „kelde te verzrekken met Rijst belaaden par„ „ticuliere vaartuijgen, niet van dat bij hun allerhoogst benodigd voedsel voorsien; doch dewijl den Inlan„ „der in 't algemeen voor alle soortgelijke inrigtingen en beschik„ „kingen avers is, niet tegenstaande men hun van het goede Oogmerk dat 'er door bedoeld word tragt te overtuijgen met uitloving teffens van de door uwe Hoog Edelheeden aan de Malacse ministers geordonneerde betaaling van 80: â 85: Rd:s voor de Cooijang aldaar, scheinen de Jnlanders ag„ „ter niet toe te inclineeren, alsoo 'er sig tot dus Verre nog niemand van de onderhoorige Comptoiren komt op te doen, overdulx ik nodig geoordeeld heb, om de tijd van 't Vertrek tot ultimo September aanstaande te moeten prolangeeren, tegens welke tijd den Samarangse Capitain der Chineeden Van Lecko van Voorneemen is 2 â 3: sijner Vaartuijgen Voor Malacca te projecteeren en Wanneer als dan ook Veelligt andere daar toe sullen inclineeren, Intusschen dat ik Voor de sulke ende besagvoerders der galijen de moodi„ „ge Instructie: heb doen Ontwerpen, Ewelkers afschrift de vrrijheid neem in deesen aantebieden, in hoope van uwe Hoog Edelheedens Goedkeuringe, en alsoo het ook de noodsaakelijkheid vorderen sal, om Behalven de op de particuliere Vaartuijgen te plaatsen 1 à 2: Europeeshe mattroosen, ook de Galleijtjes ieder met 12 â 74: koppen dier zeevarenden buijten de Inlanders te voorsien, en over deselve wel een vigilant en bekwaam subject als Gedagvoerder diend gesteld te worden, aller hoogdt die
English
Samarang, the 4th of September, Anno 1784. Page 87. who possesses the qualification of second mate, so I take the liberty to propose to Your High Excellencies for that position the quartermaster stationed here, Jacob Guijsen of Hadersleben, with the urgent request that the same, as a man who possesses the necessary requirements and at the same time knows how to deal with the native population, may be appointed by Your High Excellencies and favored with a deed of appointment. Because it is evident that the waterway along Java will become very unsafe due to the forbidden export of rice and padi and other foodstuffs to the places across the sea. Especially when the Johorese and their adherents, being cornered by the arrival of the national squadron, will try in every possible way to take advantage of their opportunities to attack and try to overpower the vessels laden with rice along Java. For which reason it was considered this year to let the Javanese cruisers patrol early in the spring, together with and alongside the two Company galleys also serving for that purpose. And since experience has shown that these two last-mentioned vessels are very suitable for it, I have given orders to have two more such vessels built in the Rembang area for the greater security of the Javanese waters, both east and west of Samarang. And I hope that the said construction will be approved by Your High Excellencies, the more so because, through the back-and-forth cruising of the first two mentioned vessels, the pirates have so far this year dared to undertake few or no attacks. Both the envoy of the king of Bantam has availed himself of the purchase of cotton yarns permitted by Your High Excellencies up to the quantity determined in 1781, and the Ngabehi and head over the Palembang trading vessels, Darpo Tjeta, has availed himself of the purchase on Java of two vessels, each of 60 to 70 feet. However, the latter having only made use of the purchase at Rembang and in the village of Sarang of two pantjalangs measuring 18 and 19 lasts for the sums of 700 and 275 rixdollars respectively, I inform Your High Excellencies thereof, respectfully noting also that they are about to take in 40 koyans of rice here, to serve in reduction, along with the permitted direct shipment of 30 koyans from the main settlement, of the 400 koyans from Java, 150 from Batavia, and 150 koyans from Samarang, the 4th of September, Anno 1784. Page 89. 150 koyans from Cheribon, which Your High Excellencies have permitted to be transported thither. The Sultan of Banjarmasin has, in conformity with Your High Excellencies' authorization, been notified by the former Surabaya Chief van der Niepoort of the permission for the collection of 50 koyans of rice, with the report that the same would be delivered at market price and charged to Banjarmasin, to serve in reduction of what he is credited by the Company for pepper delivered, and to prevent any improper courses from being pursued therewith; with the representation at the same time that this assistance, notwithstanding the prohibited export of rice, was made out of a special consideration for His Highness in the firm trust that it would only serve the needs of his own necessities and that neither Riau nor its adherents would receive any supply of it. But that prince has so far made no use of it, and apparently will not do so for the time being, because the Pasuruan Commandant van Rijck has had offered to that prince, at market price and under further conditions, the 60 koyans which he had conveyed thither with his vessel. The preliminary peace terms between England and the Dutch Republic, forwarded hither by Your High Excellencies, having been made known circularly to the subordinate outer offices, 4 copies thereof were also sent directly by the Surabaya servants to the ministers at Makassar, to be communicated as soon as feasible to the other eastern governments. In the meantime, I express my gratitude to Your High Excellencies both for sending those preliminaries and for the account transmitted for reflection, given at Malacca by the envoy Daeng Nipattij, together with the copy of the letter from the ministers there to Your High Excellencies written on the date of the 20th of February last, describing the condition in which Malacca found itself at that time regarding the unrest with the ill-disposed Riau Regent Raja Radje; while I heartily wish that since the arrival of the national squadron, matters will have changed for the best through Heaven's help. Further noting that the requisitorial letter from the Honorable Court of Justice of the Castle of Batavia has been delivered to that of the Samarang Council, and that also direct
Dutch transcription
Samarang Den 4:' September A:o 1744 Samarang Den 4:' September A:o 1734. Lag: 87. — die de qualiteit besit van onderstuurman Soo neem ik de Vrijheid uw Hoog Edelheeden daar toe voorte„ „draagen, den hier bescheiden Quartiermeester Jacob Guijsen van Hardersheben met instantie dat den„ „selven daar toe, als een man die de benodigde Ver„ „eijschten besit en teffens met den Inlander weet om te gaan door uwe Hoog Edelheeden mag aangeteld en met een acte begunstigd worden. Dewijl het apparent is, dat het vaarwaater langs Java door de verboden uitvoer van Rijst en Paij en andere Leevensmiddelen na de overwalsche plaatsen, seer onveijlig worden sal. Voor al wanneer de Johor„ „reeser en hunne adherenten door de komste van 's Lands Esquader in 't naauw Gebragt wordende, op alle moo„ „gelijke wijse hunne kanren sullen tragten waarte„ „neemen, om de Langs Iava met Rijst belaaden vaar„ „tuijgen te attacqueeren en tragten te overmeesteren wesweegen men In dit Jaar bedagt is geweest, om de Iavasche kruijssers al vroeg in het voorjaar de Bekruijs„ „singe te laten doen, met En beneevens de daar toe mee„ „de dienende twee Compagnies galeijtjes, en wijl de ondervinding, heeft geleerd, dat deese twee laatsge„ „melde daar toe zeer geschikt sijn heb ik orders ge„ „geeven, om nog twee soortgelijke kieltjes in 't Rem„ „bangse te doen aanmaken ter meerdere beveijliging van het Iavas vaarwaater, soo om de oost als west van Samarang, en welk semelde aanbouw ik hoop dat door uwe Hoog Edelheeden zal worden goedgekeurd te meer owijl door het over en weer kruijs„ „sen der twee eerstgemelden, de zeerovers voor als nog in dit Iaar weinig of geene Coupen hebben dur„ „ven onderneemen. zoo wel den sendeling van den koning van E Bantam, heeft omen van de door uwe Hoog Edelheeden toegestaane Inkoop van Catoene gaarens tot de in 1781. bepaalde quantiteijt, laten gouderen, als den Ingebij en Hoofd over de Palembangse handel Vaartuijgen, Darpo Tjeta van den inkoop op Java van twee vaartuijgen ieder van 60 â 70: voeten, doch deese eenelijk gebruijkt gemaakt hebbende van den Inkoop te Rembang en op de Negorijen Sarang van twee Pantjal„ „langs Groot 18 en 19. Lasten voor de Somma van rd:s 700. en en 275. respective Geeve ik uwe Hoog Edelheeden daar van kennisse onder eerbiedige no„ „titie teffens dat deselve alhier 40. Coijangs tijst staan inteneemen om met de Gepermitteerde directe uit„ „doen van 30. Cooijangs van de Hoofdplaats, in mindering te strekken van de 400 Coijangs van Iava 150 _„o „ Batavia, en 150: Coijang van Samarang Den 4„e September A:o 174 Samarang Den 4:' SeptemberA:o 174 Jag: 89:— 150: Cooijangs Van Cheribon die uwe Hoog Edelheeden toegestaan hebben derwaerds te mogen transporteeren. Den Sulthan te Banjermassing is Conform de Qualificatie uwer Hoog Edelheeden door het geweesen Sourabaijs Opperhoofd van der Niepoort aange„ „schreeven van de Termissie tot den afhaal van 50: Coijans Rijst, met berigt dat deselve te„ „gens marks prijs soude worden afgegeeven en Ban„ „ Jermassing Aangereekend, om te strekken in min„ „dering van het Geene hij weegens geleeverde peeper bij de Compagnie te vooren staat, en ter prevenientie dat 'er Geen verkeerde weegen mede wierd ingeslagen, met voorhouding teffens, dat deese adistentie ongeagt den verboden uit„ „voerd van Rijst, uit een bisonder Consideratie voor sijn Hoogheid Geschiede in vast vertrouwen, deselve al„ „leen soude dienen ten Behoeve van sijn eijgen benodig„ „heid en dat, nog Riouw, nog desselvs adherenten 'er ee„ „nig toevoer van Bekoomen, doch dien vorst heeft daar van voor als nog geen Gebruijk gemaakt, en ap„ „parent voor eerst ook niet doen sal, uit hoof„ „de dat den Passourouangse Commandant van Rijck de 60 Coijangs die denselven met sijn vaartuijg derwaards hadt laten vervoeren aan dien vorst tegens marksprijs en de verdere voorwaarden Ieeft Laaten aanbieden De door uwe Hoog Edelheedens Herw=ds overge„ „sonden vreedens praliminairen tusschen Engeland en de neederlandsche Republicq, Circulair na de onderhoo„ „rige buijten Comptoiren bekend gemaakt sijnde, sijn ook daar van direct door de Sourabaijsche Bediendens 4: Exemplaaren aan de ministers te maccasser voort„ „gevonden, om soo draa doenlijk is na de verdere oos„ „tersche Gouvernementen te oorden meede gedeeld, In„ „middens dat ik Iuwe Hoog Edelheeden dankbetuijg soo voor de toedending van die praeliminairen als het ter speculatie ook overgevonden Relaas, te Malac„ „ca verleend, door den Sendeling Dain: Nipattij, neevens de Copij brieff der ministers aldaar aan uwe Hoog Edelheedens in dato 20: februarij I: L: Geschree„ „den, bezelvende den toestand waar in sig Malacca toen ter tijd omtrent de onlusten met den kwaad gesonden Riouws Regent Raadja Radje bevond; terwijl ik hartelijk wensche dat de saaken seedert de komste van 's Lands Esquader door 'T Heemels hul„ „pe ten besten sullen verandert Sijn. Onder notitie wijders dat de requisito„ „riaale boief: van den Achtbaaren Raad van Jus„ „titie des Casteels Batavia aan die der Sa„ „marangsche Raad is afgegeeven, en dat ook die„ heeft „rect.
English
Samarang, 4 September 1748. Directly to satisfy the requirement, some of the window-frame timbers requested by Your High Mightinesses for the Cheribon office have already been sent thither, which are to be followed as soon as feasible by the remaining and also requisitioned fishing praus; the four pieces of frame timbers that were delivered at Tagal by the ship Europa in the past year having already long since been forwarded to the Cheribon Resident. In the hope that concerning monetary matters a noteworthy relief of cash, and among it also copper doits from the Netherlands, will soon be brought in, whereby Java may also once be relieved from the cramped circumstances of having to manage from its own pockets, as has happened for a considerable time, I request Your High Mightinesses, upon the arrival thereof and especially of doits, that we may be provided therewith as soon as possible; for although the scarcity thereof has indeed been so great for some time, and the Sultan, after the assistance rendered in that regard, has also made no further mention of minting pitis, it is nevertheless to be feared that with a long delay of relief one will soon run into embarrassment again, as one will already be next month in respect of silver and gold coin, when one will then have to pay the beach tolls for the princes, and the treasury will thereby be entirely stripped of cash; while Your High Mightinesses' interdiction against the private export of Japanese pitis from the main town to Java has been published and posted both here in Samarang and everywhere at the offices, and everyone whom it concerns has been instructed to guard against violations. Concerning fortification works and buildings, the alterations to the works at Banjoewangie planned by the engineer Eilon will, according to the high pleasure of Your High Mightinesses, remain postponed until a more convenient time; meanwhile, the commander Kayser has been granted authority to proceed with the renewal, deemed necessary by him, of the inexpensive palisade work around the fort, with the recommendation to burden the developing native population as little as possible thereby. For the authorization of Your High Mightinesses to have the battery—likewise planned by the engineer Eilon for the protection of the Samarang River—constructed partly outside the expense of the Company, expressing my thanks, I most respectfully note that one will not be able to make any earlier progress with this work before and until one is certain that the project for removing the inconvenience of the shallows before the river will have good effect; and because the necessary materials must first be gathered for that purpose, it will indeed run on into the coming year before one can begin therewith, because nothing can be executed on this work in the west monsoon. The further points appearing under this heading being to be dealt with in the report of my journey to the Eastern Salient, I nevertheless find myself obliged to give Your High Mightinesses notice of the disagreeable report that reached me some time ago concerning the condition of the internal buildings in the Soerakarta lodge or fort, consisting of the following: the Chief Salm having given notice to me first in private, and subsequently also together with the Second Resident Schwenke on behalf of the Company to the Council of Policy here, by letter of 2 April, under letter A enclosed, that the dragoons' barracks on the east side had collapsed due to the sinking of the foundation, just before which date they had heard the building, the ground floor of which constitutes the stables of the horses, crack loudly, whereby there was thus still time left to save men and horses; and that by this partial collapse new cracks from top to bottom have arisen in the entire barracks, besides the old ones that had already been discovered on it previously; and that this building, according to the report of the commissioners, the military lieutenants Van Harrar and Haze, likewise annexed by the said Residents to their letter, was entirely irreparable, the Residents requesting authorization to be allowed to demolish the entire building. And because the aforesaid commissioners also make known in their report the bad condition in which the residence of the Second Resident, as well as the infantry barracks, together with the blacksmith's shop and the main gate, were found, I have judged it best, for the close and exact examination of the cause of the collapse both of the aforesaid dragoons' barracks and of the condition of the further buildings, to commission thither the former engineer and now retired titular captain Frans Anthonij van Haak and the master of the powder-mill maker Christoffel Cohle, that
Dutch transcription
Samarang Den 4:' September A:o 174 Samarang Den 4: Septembr A: 174 ag: 97: „rect aan het requisiet voldaan is beworden, sijn er ook bereeds eenige van de door uwe Hoog Edelheeden voor 't Comptoir Cheribon Gevorderde Raamhouten naar derwaarden gesonden die door de overige ende meede g'eischte praauw„ „maijangs soo draa doenlijk sijn sal staangevolgd te worden, sijnde de 4. p:s Raampouten die in het Gepaseer„ „de Iaar door het schip Europa te Tagal waren afgegeesen, bereeds Lange aan den Cheribonse (Resident W toegesonden. In hoope dat er omtrent Geld Zaaken eerlang een naam waerdig ontzet van Contanten en daar onder ook Koopere Duijten uit Needer„ „land sal worden aangebragt waar door ook Java eens uit de Bekrompen Omstandigheeden, vven sig uit eijgen buisen te moeten redden, Gelijk sedert een Geruijmen tijd Geschied is, gered word, versoek ik uwe Hoog Edelheeden bij aanbreng daar van een speciaal van duiten Soo spoedig doenlijk is daar meede te moogen worden voorsien, want schoon de schaarsheid daar van wel seedert Eenigen teijd zoo Groot is; en den sul„ „than ook na de daar omtrent gedaane adsisten„ „tie geen Gewag meer tot het slaan van pi„ „tjis heeft gemaekt is het egter te duijten dat men bij een lang uitblijven van ontsat weederom haast in verleegentheid sal geraaken zoo als men al in de „ken. Fortificatie werken en kebouwen, Con„ „serneerende, sullen de door den Ingenieur zilon ge„ „projecteerde veranderingen aan de werken te Ban„ „joewangie, na het Hooge Goedvinden uwer Hoog Edelheeden tot geleegener tijd, uitgesteld blijven, in„ „tusschen: dat den Commandant Kaijzel quali„ „ficatie is setund, om de door hens nodig geoerdeelde Her„ „nieuwing van het weinig kostende Taalwerk randsom het fort, te laten Gevolg neemen, met recommandatie, om den opluikenden Inlander daar door soo min moo„ „gelijk te beswaaren. Voor de qualificatie uwer Hoog Edelheeden om de insgelijks door den Jngenieur Eilon geprojecteerde Bakterij, tot dekking der Samarangse rivier, gedeeltelijk aanstaande maand ook van zilver en soude munt zijn sal, wanneer men als dan de strand Gelden voor de vorsten sal moeten voldoen, en de Cas daer door geheel van Contanten ontbloot weesen sal, mid„ „delerwijl dat de interdectie ouwer Hoog Edelheeden tee„ „gens den particulieren Luitvoer van Japanse pi„ „tijis van de Hoofdplaats naar Iava, soo wel hier te Samarang als alomme op de Comptoiren gepubli„ „ceerd en Geaffigeerd, mitsgaders een ieder die 't incumbeerd gerecommandeert is teegens de overtreedinge te wa„ aanstaande buijten e Den 4„e September A„o 1734 Samarang Pag. a 93 Samarang den 4. September Aaio 1748 buijten Lasten van de Compagne, te laten extrueeren, mijn dankbetuijgende noteer ik eerbiedigst dat men met dit werk geen eerder voortgang sal kunnen maken voor en al eer men verseekert is dat het project ter wegneeming van het inconvement der droogtens voor de rivier dan goed effect sijn sal, en om dat daar toe alvorens de nodi„ „ge mateniaalen dienen bij een verdameld te worden, sal het daar mede eer men 'er beginnen kan wel tot in het aanstaande Jaar aanloopen, uit hoofde dat 'er aan dit werk in de westmoussen niets kan wor„ „den uitgevoerd. De verder onder het Hoofdel voorkoomende po„ „incken, bij het verslag mijner reijse na den Oosthoek sullende worden verhandelt, wind ik mij egter verpligt uwe Hoog Edelheeden te moeten kennisse geven van het Onaangenaam berigt, dat mij voor eenigen tijd omtrent te gesteldheid der binnen gebouwen in de Soura Cartasche Logie of Soat, voor gekoomen is Bestaande in 't vol„ „gende het Opperhoofd Salm mij eerst in 't parti„ „culier, en vervolgens ook neevens den Tweeden Resis„ „dent Schwenke Compagnies weegen aan den Raad van Politie alhier bij brieff van den 2. April onder L„ra A: overgaande kennisse gegeeven hebbende, dat de dragonders Baracq, aan de Oost sijde door het insakken van 't fondament, was ingestort even bevooren dato men de Gebouw, welkers onders te Etage de rhooren stallingen der paarden uitmaakt, sterk had ^ keda„ „ken, waar door 'er alsoo nog tijd Overig was om men„ „schen ende paarden te sauveeren en dat door deese Gedeeltelijke instorting, aan de Geheele Baracq nieu„ „we scheuren van boven tot beneeden toe ontstaan waren, behalven de oude, die er bevoorens bereeds aan ontdakk Geweest sijn, en dat dat gebouw volgens het door de gemelde Residenten teffens bij hun Brieff ge„ „annexeerd berigt van Gecommitteerdens, de Luijte„ „nants Militair Van Harrar en Haze geheel irreparabel was versoekende de Residenten Qua„ „lificatie om het Geheel Gebouw te mogen afbreeken; en om dat Gecommitteerdens voormeld ook nog bij hun berigt te kennen Geeven, de slegte Gesteldheid, waar in sig de wooning van de tweeden Resident, mitsgaders de Baracque der Jnfanterij, beneevens Smitswinkel en de groote soort bevonden, heb ik het best geoordeeld, om, ter genaauwe en Exacte Examinatie der oorsaake van de instorting soo wel van de voorschreeven Dragonders Baracq als de Gesteldheid der Ver„ „dere gebouwen derwaards te Committeeren den ge„ „weesen Ingenieur en thans gegageerd Capitain ti„ „tulair Frans Anthonij van Haak en den Baas der kruijtmoolen maker Christoffel Cohle dat
English
Samarang, 4 September A:o 1784. Samarang, 4 September 1784: pag: 95. with orders at the same time to the First to make a calculation of the costs that would be required for the improvements of the buildings, and that in order to bring them into that neat, sufficient condition as that in which the Djokjocarta Lodge and its internal buildings have been restored by Son. Which said delegates have therefore examined everything, inspected it, and found matters to be such as their report distributed here dictates, from which Your High Noblenesses will principally gather: That besides the cracks in the fortress walls originating from the foundation, the inner rampart wall is noticeably cracked at all 8 corners of the points, the cause of which is the pressure of the earth and the poor masonry. Further, that the kitchens, water sheds, etc. under the galleries against the rampart wall are dilapidated, and the partition walls are almost all torn away from the rampart wall due to a lack of sufficient bonding. That the side walls under the Gate that form the passage of the fortress wall are torn away diagonally from bottom to top, and also the arches of the stairs leading up to the rampart are heavily cracked, caused by the settling of the foundation. That the gunpowder magazine is leaky and excessively damp, because the rainwater penetrating through the rampart wall against which that magazine is built causes that defect, and that it is entirely unfit for the storage of the gunpowder, which must be torn down completely, and rebuilt anew standing clear of the rampart wall. That the hospital likewise has the defect of standing with three sides of the upper story on the rampart wall, and therefore makes the lower part into a dark and very damp cellar into which neither light nor air can enter, and whose foul vapors rise through the ceiling into the upper story and are detrimental to the patients; for the improvement of which the rampart, as much as will be necessary, ought to be recessed, in order to create a space between the rampart and the hospital where air and wind can blow through, and furthermore to build onto it an additional room for a surgeon's mate. That there were no particular defects to the warehouse, other than that it is too small for the storage of the provisions and goods, and that therefore a small new warehouse ought to be built on the opposite side of the curtain walls. That at the blacksmith's shop, one of the gables is bowed inward at half height, the upper part hanging over, caused by the incompetence of the workmen Samarang, 4 September A:o 1784. September ao 1784. Samarang, 4 September 1784. page 97. and poor supervision; which upper part, to prevent accidents, must be torn down and bricked up again. That the residence of the First Resident is a building of a rustic and massive appearance, seeming very strong, but of an unsavory and poor layout, and that it has full leaks, wherefore the roof must be taken off and improved, with the addition of pantries and other necessary rooms that are still lacking there. That the dwelling house of the Second Resident is of very common construction, having as yet no ceilings, window frames, doors, nor shutters, lacking all the necessary ironwork, and the outbuildings have not yet been erected; having the defect of being too low in floor and story, dark and stuffy; one gable wall being built entirely crooked, and at the height of the attic beams it has buckled outward, wherefore it must be torn down and renewed, and the house itself must also be built up 3 feet higher, with the raising of the floor, doors, and windows, and the roof made more sufficient, and the outbuildings built up with a story for the slave quarters. Further, that the officers' quarters of the Infantry and those of the Cavalry suffer from the same defects as those of the Second Resident, except that the gables of these buildings will be retained, but otherwise undergo the same improvements. That the church is in a reasonable condition, but is not yet ceiled, and ought to be provided with a small gallery against the driving of rain and wind. That the sick-comforter's dwelling is not yet ceiled, and must still be provided with more windows. That the Infantry Barracks on the upper story is in a reasonable condition, but downstairs ought to undergo a complete alteration, in the manner the report dictates. That the Dragoons' Barracks and stables, of which a part has collapsed due to the poor constitution of the foundation, cannot be repaired with any advantage, and therefore must be torn down entirely and renewed; in the manner according to the proposal. That furthermore, the remaining buildings also require various improvements, the reporters further stating that all the aforementioned defects are caused by the poor condition of the walls, which in themselves are thick enough, in the erection of which the necessary supervision and inspection were lacking, and the Javanese workmen consequently had the opportunity to use improper materials for the masonry. This
Dutch transcription
Samarang Den 4„' September A„o 1784. Samarang Den 4: September : 174: pag: 95:: Ohle -met ordert teffens aan dens Eerste omdeeme Calcula„ „tie te maken van De kosten dier 'er tot Verbeeteringen der gebouwen soude worden vereijscht, en dat wel om desel„ „se in die nette onder sufficente staat te brengen, als waarin de Djokjocartasche Logie en derselver binnen ge„ „bouwen door Son g'extaueerd zijn Geworden welke Gemelde Ge„ Committeerdens dan ook alles hebben nagegaan, gevediteert en de zaaken zoodanig hebben bevonden als hunne deese Verdellende berigt dicteert, waar uit uwe Hoog Edelheeden ten Hoofdsaakelijksten Consteeren sal: Dat behalven de scheuren in de festings -muuren uit het fondament oor„ „spronkelijk, de Binnen walmuur aan alle 8 hoeken der punten merkelijk is gescheerd, waar van de oorsaak is, de persing der laarde en het slegte met zelwerk Dato de Combuijsen, waterhokken &=a onder de gaanderijen tegens de wil -muur, vervallen ende scheimuuren meest alle van de walmuur afgescheurd sijn weegens manquement aangenoegsaame verband. Dat de zij muuren onder de Poort die de door„ „gang formeeren van de vesting muuer Scheins van onder het boven toe afgescheurd en ook de boogen der trappen na de wal opgaande swaar ge„ „scheurd zijn, veroorsaakt door de Sakking van het fondament. Dat het kruijtsuijs lek en overmatigt vogt is, om dat het regens water door de wal muur waar dat maguatijn Gebouwd is dringende dat defect veroorsaakt, ent dat tot berging van het Buskruijt ter Eenemaal onbekwaam welke ten eenemaal moet afgebrooken, en vrij van de wal muur afstaande weeder nieuw opgetrokken worden. Dat het hospitaal insgelijks het gebrek: heeft van met drie zijde der verdieping op de walmuur te staan, en daarom het ondersten: tot een duistere en seen vogtige kelder maakt daar geen ligt nog lugt in kan, en welkers kwaade dampen door de Solde„ „ring in de bovenste verdieping optrekken, en de leij„ „ders nadeelig sijn, ter welkers, verbeetering de wal soo veel nodig zijn sal diend ingetrokken te worden, om tusschen de wal en het hospitael gene ruijmte te kuijgen daar lugt en wind doorspeelen kan in serdans nog een kamer voor een ondermeester bij aan=te bouwen. Dat aan het Pakhuijs geen bezonder Gebreeken waren, als dat het selve tot berging der proviseen en Goederen te kleijn is, en er daarom aan de overzijde dan de gordijnen nog een klein nieu„ „we Pakhuijs diend gebouwd te worden. Dat aan de smitswinkel een dergevels op de hol„ „ve hoogte na binnen gebogen, hangende het bovenste door over door de onkunde der werkst„ „lieden is c Samarang den 4:' Septembr A:o 174 September ao 174. Samarang den 4. „ag:s 97. „lieden en de slegte opsigt teroorsaakt; welk booven„ „ste gedeelte ter voorkominge van ongelukken moet afgebrooken en weeder opgemetseld worden. Dat des eersten Resident wooning van een rusticque en masive uiterlijk seer sterk scheijnende Gebouw is, maar van eene onsmaakelijke en slegte in dee„ „ling, en dat heele Leccagien heeft, waar door het dak moet afgenoomen en verbeeterd oorden, met aanmaking van dispensen en andere nodige vertrek„ „ken die 'er nog manqueeren. - Dat het woonhuijs van den tweeden Resident van een gantsch Gemeene bouwing is hebbende nog geene bedol„ „dering, Venster Raamen nog duuren nog venster blaaden, manqueerende al het benoodigde ijserwerk mitsgaders dat de Tedatken nog niet opgetrokken sijn hebbende 't dent defect van te laag van vloer en ver„ „dieping, diuister en bedont te sijn; sijnde de eene geevel muur geheel scheef: opgetrokken, en heeft sig op de hoogte van de solder Balken met een bogt na buijten Geset, waar om het selve moet afgebrooken en vernieuwd als ook het huijs selfs 3. voeten hooger opgetrokken worden met verhooging van de vloer Deuren en vensters, mitsgaders het Dak Suffican„ „ter geraakt en de Pedakken met een verdieping tot de slaave vertrekken opgetrokken worden. — Dato de Officiers wooningen van de Infanterij en die den Eavallerij aan de deselfde Gebreeken Laboreeren als die van den Tweeden Resident uitgesondert dat de Geevels van deese Gebouwen behouden blijven, anders deselfde verbeete „ringe ondergaan. Dat de kerk sig in eene reedelijken staat bevind, maar is nog Onbesoldert, en diend voor het inslaan van reegen en wind met een kleijn Galdereij voorsien te worden. Dat de krankbedoekens wooning nog niet besoldert is, en moet nog van meer vensters worden voorsien Dat de: Infanterijs Baracq op de bovenste verdieping in een reedelijk staat is, maar beneeden eene Geheele ver„ „andering diend te ondergaan, invoege het berigt dicteerd Dat de draganders Baracq en stallingen waar van 'er een gedeelte, door de slegte Constitutie van het fondament, is ingestort, met heen voordeel te repareeren is daarom geheel moet afgebrooken en vernieuwd worden; invoege na den voorstel. Dat voorts de overige Gebouwen meede verscheiden verbeete„ „ringen vereischen seggende de berigters wijders, dat alle de voorschreeven defecten veroorsaakt worden door de sleg„ „te Gesteldheid van de anders op sig selfs dik Genoeg sijnde muuren bij welkers oprigtinge het aan de nodige op en toedigt ontbrooken heeft en de Javaansche werklieden over„ „sulx Geleegendheid schad hebben om tot het metselwerk ondeugende Dit
English
Samarang the 4th September Ao 1734 Samarang the 4th September 1724 page 99: to employ defective lime, through which the walls in course of time have become subject to leaning and collapsing, besides that on all the buildings the ironwork was very much spared, and the attic beams placed too far from one another, along with the chirappen on the roofs being made too thin and too light, which cause leaks. Upon the receipt of this report I have, on more than one occasion, through the Souracarta Chief Palm, had represented to the Emperor, for whose account and expense that Lodge was built, in a friendly manner the necessity there was to have a part of the buildings torn down and constructed straighter and stronger, along with having the necessary improvements made to the rest, pointing out simultaneously His Highness's own interest and safety as well as that of the Company, which made it so much the more necessary; and however much I had flattered myself in the beginning with an affirmative answer from that prince, he has nonetheless likewise replied in friendly terms that, however gladly he wished to agree to this, he nevertheless could and would not resolve to do anything other than merely provide the necessary battoors for it, while refusing however to furnish the necessary materials and labor wages, saying that he had previously allowed those to be provided to the former Chief van Straalendorff in ample measure. From the above-mentioned amply noted details, it will have appeared to Your High Nobilities in what situation the buildings in the Soura Carta Lodge find themselves, and whose principal defects one could not thoroughly discover before the defective lime used for them, having first come to complete drying, caused the foundations to sink and the walls to lean; and because the Emperor cannot be persuaded to the renewal and improvement of those buildings according to the plan designed for it by the knowledgeable engineer van Haak mentioned in this, which I take the liberty to present to Your High Nobilities under their L. a W: and A: for consideration, and as it would nevertheless also not be advisable at all to leave the Lodge in that situation as it currently finds itself, I thus request to be informed of Your High Nobilities' disposition as to how it shall be possible to provide for the required costs, which according to the statement and calculation of the frequently mentioned van Haak attached to the report are set at 21740: 12. — Rixdollars, as I know no other means for it than to hold the estates of both the late Samarang the 4th September a:o 1744: Samarang the 4th September a:o 174 page: 107: the deceased First Souracarta Resident van Stralendorff, as well as that of the also deceased Engineer Sustman, accountable for it, because the layout and construction of the entire Lodge with its internal buildings was done by the latter, and all under the direction and supervision of the former, when the Engineer Sustman, through other duties in the service on Java, had no opportunity to be continuously present in Soura Carta. On this occasion I also take the liberty most respectfully to bring to Your High Nobilities' attention that, because necessity requires that the First Resident in Souracarta be provided with a dwelling outside the Lodge, in order now and then to be able to entertain the Emperor and his family therein, and simultaneously to serve both for the entertaining of the natives and for the reception of the Javanese Governors when they make the journey thither, for all of which the house in the Lodge is neither situated nor suitable, for which reason the Resident Palm has therefore also taken over from the estate of his predecessor a house and outbuildings erected by him for the sum of 7000: Rd:; but because this building also does not meet the intended purpose, and moreover standing opposite the Emperor's dalem or dwelling it gives no satisfaction to the Emperor's court, on which account His Highness has made the proposition to me to be allowed to have that building torn down and in contrast construct another larger parcel meeting the intended purpose with the necessary outbuildings for His Highness's account on a suitable square or piece of land situated directly opposite the Lodge; and because the Chief Palm has agreed to the proposition of the prince and I also find no objections to accepting the proposal, I therefore urge that Your High Nobilities please consent to it, and also resolve that henceforth the First Resident in Souracarta shall be obliged to take over from one another the dwelling to be constructed by the Emperor with its dependencies for the 7000. - — rds paid out by the present Resident Palm to the estate of his predecessor van Stralendorff, which request I trust Your High Nobilities will indeed be pleased to grant, the more so because the Emperor has not only promised to make the house with the entire complex very strong and fully to the intention of
Dutch transcription
Samarang den 4„' September Ao 1734 Samarang den 4: September 1724 pag. 99: ondeugende kalk te emploijeeren waar door de muuren bij vervolg van tijd aan uitwijkinge en instortinge onderheevig geraakt sijn behalven dat aan alle de Gebouwen het ijderwerk seer Gespaard, en de solder balken te wijt van elkanderen Ge„ „leijd, mitsgaders dat de Chirappen op de dakken te dun den te ligte aangemaakt sijn, die Lecragien veroorsaaken. Bij het ontfangen van dit Rapport heb ik een en ander „maal door het Souracartas opperhoofd Palm, den keij„ „ser, voor wiens reekening en kosten die Logie is Gebouwd, in 't vriendelijke Laten voorstellen de noodsaakelijkheid die er was om een Gedeelte der Gebouwen te doen afbreaken en regter en sterker te extrueeren mitsgaders aan de overige de nodige verbeeteringen te laten Geschieden onder te kennen ge„ „ven teffen zoo wel van zijn Hoogheids rigen, belangenen vijligheid als die van de Compagnie welke sulx om zoo veel te noodsaa„ „kelijker maakte, en hoe seer ik mij ook in den beginne met e een toestemmend. antwoord van dien vorst Gevleid had, soo C heeft denselven egter insgelijks in vriendelijke termen Gere„ „pliceerd, dat hoe gaarne ook hier in wilde accordeeren eg„ „ter daar toe niet anders konde en soude besluijtens, dan er eenelijk de nodige Battoors toe te verleenen, met weigering egter tot het fourneeren van de noodige ma„ P „teriaalen en arbeideloon; zeggende die bevoorens aan het geweesen Opperhoofd van Straalendorff in eene ruijme maate daar toe te hebben Laeten ver„ „strekken, uit het bovengemelde Ampel Genoteerde sal het uwe Hoog Edelheeden sijn Gebleeken in welke Si„ „tuatie de Gebouwen in de Soura Cartase Logie sig be„ „vinden, en welkers hoofdsaakelijke gebreeken men niet Gron„ „tig heeft konnen ontdekken, voor dat de daar toe gebruijk„ „te ondeugende kalk eerst tot volkoomen uit drooging gekoomen sijnde, de fondamenten aan het sakken en de muuren tot uijtwlijkinge heeft Gebragt; En dewijl den keijver niet te perouadeeren is tot vernieu„ „winge en verbeeteringe, dier gebouwen na het daar van door de in deesen vermelden kundigen Ingenieur van Haak ontworpen plan, die ik de vrijheid neem uwe Hoog Edelheeden onder hun L. a W: en A: ter speculatie aantebieden, en daar het egter ook Gantsch niet raadsaam soude sijn, Om de Logie in die situatie te laten als waaren desel„ „ve sig thans bevind, soo versoek ik met uwe Hoog Edelheeden dispositie te moogen worden, Gemunceert, in hoedanigen voege het met de vereijscht wordende kosten, die volgens de aan het berigt gevoegde op„ „gave en calculatie van den meermelden van Haak tot Rijxdaelders 21740: 12. — gesteld worden, sal konnen worden Gevonden, daar ik geen andere middel toe weet, als dat de Nalatenschappen soo van wijlen „staekken den Samarang den 4„e September a:o 1744: Samarang den 4. September a:' 174 pag: 107: den overleedenen Eerste souracartus Resident van Stralendorff, als die van den mede overleedenen Jn„ „genieur Sustman, daar voor aanspreekelijke te sou„ „den, om dat den aanleggen Extructie van de Geheele Logie met derselver binnen Gebouwen door den Laastgemelden, en alles onder de directie en toesigt van den eerstgemelden is Geschied, wan„ „neer den Jngenieur Sustman door andere beedigheeden in den dienst op Java Geen Geleegendheid Sad, Geduurig te soura carta present te sijn. Bij deese geleegendheid nem ik ook de vrij„ „heid uw Hoog Edelheeden eerbiedigst onder het oog tebrengen, dat dewijl het de noodsaakelijkheid vor„ „dert, dat den Eersten Resident te Souracanta voorsien is van een wooning buijten de Logie, om 'er nu en dan den keijser en desselfs familje in te kunnen reguleeren, en om teffens te dienen, soo tot de tral„ „taties der Jnlanders, als tot receptie van de Ja„ „vase Gouverneurs wanneer deselve de reise naar derwaerds te doen, tot welk een en ander het huijs in de Logie niet Gecitueerd nog Geschikt is, om wel„ „ke reeden den Resident Palm dan ook, uit den Boedel van sijn en predecasseur, heeft overge„ „noomen en een door denselven meen, Thumn Opge„ „bouwd huijs en Opstallen voor de Somma van 7000: Rd: doch wijl dit Gebouw mede aan het oogwerk niet voldoet, en daer en boven het selve over des krijvers dalm of wooning staande Geen agrement aan des keijders Hoff=-houding heeft wes weegen sijn Hoogheid mij de propositie heeft Gedaen, om dat Gebouwe te mogen Laten afbreeken en daar en teegen een ander grooter en aan het oogmerk vol„ „doende perceel met de noodige bij gebouwen voor zijn Hoogheids Reekening extrueeren op een daar toe Ge„ „schikt vlak over de Logie Geleegen plein of terrein en om dat het Opperhoofd Palm in de Propositie van den vorst heeft bewilligd en ik'er ook geene bedenkin„ „gen in vinde om in het voorstel Genoegen te neemen soo insteere ik dat er uwe Hoog Edelheeden in Gelie „ven te Consenteeren, en teffens ook te besluijten, dat voortaan de Eerste Resident te Souracarta Ge„ „houden sullen sijn, om het door den keijser te Extau„ „eeren wooning met dies ab- en dependentie van ol„ „kanderen over te neemen voor de door den presenten Resident Palm aan de boedel van zijnen predecesseur van Stralendorff uitgekeerde 7000. - — rd:s en welke instantie ik vertrouwe dat uwe Hoog Edelheeden wel sullen Gelieven te bewilligen te meer; om dat den keijzer niet alleen beloofd heeft het Huijs met den Geheelen omslag, heeft sterk en aan de intentie van volkoomen
English
Samarang the 4th of September 1734 The 4th of September in the year 1734 page 103 Samarang to have fully answered and completed, but because tearing down the present residence of the Resident will also give that prince much pleasure, whereby I may at the same time hope to be able to dispose His Highness to provide assistance for the required improvements to the buildings inside the lodge. The Surakarta chief Palm, having made the proposal to me to be allowed to demand the Company's 20th penny from the Europeans and Chinese upon the sale and transfers of the brick dwelling houses built by them there on certain squares ceded to the Company by the Emperor according to granted title deeds, and still being built from time to time, which they were willing to satisfy there in order thereby to be all the more secure in their possession, to which I likewise request the approval of Your High Mightinesses. With regard to native affairs, I thank Your High Mightinesses for the authorization to make changes to the draft contract for the succession to the throne of the Javanese princes if necessity should require it and no time should remain to await the further orders of Your High Mightinesses, while I assure Your High Mightinesses that I shall not undertake anything in that regard except in case of the utmost necessity, and shall observe the Company's interests and the preservation of peace and quiet on Java as much as possible. Pursuant to the approval of Your High Mightinesses, the number of flintlocks and sidearms previously requested by them has been delivered to the respective Company Regents along this coast against payment, and I have had the regents at Surabaya and those at Grissee suffice with half of the number requested by them, and because the present stock of carbines did not permit their delivery, I have postponed those who had likewise requested them until one shall first be sufficiently supplied with them. Having received upon my return from the Eastern Salient the star set with diamonds sent hither by Your High Mightinesses for the Emperor, although there was no letter from Your High Mightinesses accompanying it, in order to make no delay with it, I immediately forwarded it with the addition of the goldworks made here both for the Sultan and for both Crown Princes, and presented these to Their High Samarang the 4th of September 1744 Samarang the 4th of September in the year 1734 August 105 Highnesses, with a polite letter in the name of Your High Mightinesses as a present for the assistance shown to the Company in the late war between England and the Dutch Republic, they testifying, both those princes as well as their Crown Princes, in their received replies to be very pleased with those presents, with the request to express their grateful acknowledgments to Your High Mightinesses and the Company, as I most respectfully do for and with them herewith, and likewise also for the Panembahan of Madura, to whom, during my presence at Surabaya, I personally handed over in the presence of the outgoing and present governors of the Eastern Salient, Van der Niepoort and Parkeij, the two pieces of gold pouring saucers also made here, in Your High Mightinesses' name on behalf of the Company, with which His Highness was very pleased, remarking that this would be an everlasting memory for him and his descendants, while I hope to have acted in this matter with the presentation of those gifts according to the intention of Your High Mightinesses; and since the charging of the aforementioned star from the main factory to this Government will apparently have occurred erroneously, as I believe that this debit does not belong to Java, I take the liberty of having the same credited back with 4950 florins, and likewise to have the charging take place for the goldworks made here, consisting of those for the Sultan: 8 pieces large pouring saucers, weighing 48 1/16 reals 1 spittoon, weighing 19 1/4 ditto 8 sirih boxes with their spoons, weighing 88 3/16 ditto 1 large Javanese tobacco box, weighing 6 7/16 ditto For the Crown Prince of the Emperor: 1 large sword hilt with the mountings For the Crown Prince of the Sultan: 1 pouring saucer, weighing 34 reals 1 Javanese tobacco box, weighing 6 3/4 reals For the Panembahan of Madura: 2 pouring saucers, weighing 68 1/2 reals as will appear to Your High Mightinesses in more detail from the accompanying return, the aforementioned goldworks amounting together to 9356 florins. In accordance with the authorization of Your High Mightinesses, I have, through the Yogyakarta chief Van Rhijn, of the artillery exchanged from the lodge there for a heavier caliber Government 12 pieces
Dutch transcription
Samarang den 4: September 1734 Den 4. September a: 1734: pag:o 103„ Samarang volkomen beantwoorden te latten vervaardigen maar wijl dien vorst ook met de afbraake van de tegenswoordige Residente wooning veel plaisier Geschieden sal, waardoor ik teffens hoopen mag, om zijn Hoogheid tot adsistentie in de vereijscht wordende verbeeteringen aan de Gebouwen binnen de Logie te sullen konnen disponeeren. Het souracartas opperhoofd Palm, mij het voorstel gedaen hebbende, om van de Europeesen en Chinee„ „sen bij verkoop en te doene Opdragten van de door hun aldaar op seekere door den keijser, vol„ „gens verleende Grondbrieven aan de Compagnie af„ „gestaane pleinen, aangebauwde en nog van tijd tot tijd aangebouwd wordende steene woonhuijsen te mogen vorderen 'SComp„s 20„' penning, ter welkers wol„ „doening men aldaar Geneegen was om daar door soo veel te seekerder in hunne Posessie te zijn, waar toe ik insgelijks de bewilliging uwe Hoog Edelheeden bevollei„ „teere. Met opzigt tot Jnlandsche Saaken, bedank uwe Hoog Edelheeden voor de qualificatie tot de te maken ver„ „anderingen in het Concept Contract voor de troon opvol„ „gens der Javasche vorsten indien sulx de noodsaakelijkheid vereijscht en dat 'ter Geen tijd mogte komen over te schieten daer toede nadene orders uwe Hoog Edelheeden afte wagten ter„ „wijl ik uwe Hoog Edelheeden verseekere daar om„ „trent niet Buijten de hoogste noodsaakelijkheid te sullen onderneemen, en in alles soo veel doenlijk is 'sCompagnies belangen, en de Conservatie der rust en vreede op Java te betragten:— Aan de Respestive Compagniesr Regenten Langs deede kuste sijn ingevolge de bewilliging uwer Hoog Edelheeden, het door hun bevorens vercogte Getal Snaphaanen en sijd: Geweeren teegens betaaling afgegeeven en heb ik de regenten te sourabaija en die te Guis„ „see met de helft van het door hun Gevraagd Getal„ Laten volstaan, en om dat den paesenten voorraad der Carbijns de afgave niet beeft Gepermitteerd heb ik de sulke die insgelijks daarom versoekt hadden Gedaen uitgesteld, tot dat men 'er eerst Genoegsaam daer van sal weesen voorsien. Ddoor uwe Hoog Edelheeden voor den keijser naer Herwaerds overgesonden ster met Briljanten om„ „zet, bij mijns terugkomste uit den Oosthoek ont„ „fangen hebbende, het ik schoon 'er sig geen missi„ „ve van uwe Hoog Edelheeden bij bevond, om er geen Oponthoud mede te maken directe met bij „voeginge van de alhier Aangemaakte goudwerken soo voor den sulthan, als beijde de kroonpancen voort„ „gezonden, en het een en ander aan Hunne Hoog „wijl Acdelheeden Samarang den 4. September 1744 Samarang den 4„e September a:o 1734 Augt: 105 Ersses heeden, bij een beleefde brief uit naam van uwe Hoog Edelheeden tot een present voor de beweeren adsistentie aan de Comp:e in den Iongsten oorlog tusschen Engeland en de Neederlandsche Republicq, aangebooden, betuijgende, bei„ „de die vorsten soo wel als derselver kroon Princen, in hunne bekoomen antwoorden met die preesenten zeer verberd te zijn, met verzoek om aan uwe Hoog Edelheeden en de Compagnie daar voor hunne dank erkentenisse te willen betuijgen soo als ik voor en met hun bij deesen aller Eerbiedigst doe, en insgelijks ook voor den panembahan van Matura, aan „ween ik bij mijn aanweesen te Sourabaija eigenhandig in presentie van de afgegaane en teegenswoordigen Ge„ „saghebbers des oorthoek van der Niepoort en parkeij de ook hier aangemaakte. 2 p:s Goude schenkpuerings, uit uwe Hoog Edel „heedens naam van weegens de maatschappij hab over„ „gegeeven en waar meede sijn Hoogheid heer in sijn schik was, onder uitlatinge dat dit voor hem en sijne nakomelinge tot eene altoos duu„ „rende Gedagtenisse sijn soude terwijl ik hoope in deeren met de voortoending van die beschenksen na de intentie uwer Hoog Edelheeden te sullen hebben Gehandelt, en dewijl de aanreekening der opgemelde star van de Hoofdplaats na dit Gouvernement, apparent abucivelijk sal sijn sechied, alsoo ik vermeen dat deese Last post Iava niet Com„ „peteert soo Gebruijke de vrijheid deselve weeder te La„ „ten terug reekenen met ƒ 4950. —:— en soo ook de aanreekening te laten Geschieden van der sier aan„ „gemaakte Goudwerken bestaande in die voor den Sulthan. 8: p„s Goote schenspiering: Swaar 48 1/16: realen. Quispel door - - - „ 19 ¼ d„o 1 „ 8: „ Dirie bakx met dies lapeltje „ 88 3/16 d„o 1 „ Groote Sawose tabaks door „ 6 7/16 d„o voor den kroon Prins van den keijser C: lycoote Deegen Gevert met het beslag voor den kroon Prins van den Sulthan 1: Schenkpiering - - - - Swaar 34: realen 1 Iawase Tabaks doos - - - „ 6¾ „ voor den Sanembahan van Maduka 2. schenkpierings Swaar 68½ reaelen invoege uwe Hoog Edelheeden nader spacificq blij„ „ken sal uit het deede versellend Rendement bedraagende de voorschreeven Goudwerken te suamen ƒ 9356. — Ingevolge de qualificatie uwer Hoog Edelheeden heb ik door het Djokjokantas Opperhoofd van Rhijn van het tegens swaarder Caliber uit de Logie aldaar verwisselt Geschut Gouvernement 12p
English
Samarang the 4th of September 1734. Samarang the 8th of September 1734 page 187 12 pieces of iron cannons of 3 lb to be delivered to the Sultan in order thereby to comply with the request previously made by His Highness regarding the firearms that had remained at the principal station for his auxiliary troops, whereby I had a compliment made to that prince, as if on my own initiative, that upon inquiry an error of minor servants took place in the delivery at the armory in Batavia, and His Highness, being fully satisfied therewith, expressed his gratitude for the said cannons. That the mission of Dain Toepoe to Bali was well handled and was to the satisfaction of Your Right Noblenesses is to my great satisfaction, and I shall make use of Your Right Noblenesses' authorization to reward that envoy for his good services rendered with a small gift as soon as he appears here again. Before I depart from this chief matter, I find myself obliged to give notice to Your Right Noblenesses of the request of the Emperor as well as that of the Crown Prince to make an excursion by the latter to Samarang, and although I had first politely sought to discourage this, I nevertheless permitted it upon Their Highnesses' repeated desire shown for it, provided however that, just as in the year 1731, he appear here without much pomp or circumstance, as I also expect him along with his wife here towards the middle of October next, to lodge for about 8 or 10 days in the Governor's country house with a fine view on the road to Bodjong. Whereas Your Right Noblenesses, with approval of the assistance rendered here under the article of foreign nations to the small English vessel Pallas, please to note that, because the Sovereign is obliged to allow the English Nation free navigation in the Eastern Seas, necessity now so much the more requires that their vessels be kept away from the Javanese shores, and that upon their accidental arrival one ought not to grant them any other convenience or assistance than that which according to the duty of humanity cannot be refused or withheld, I have had that observation circulated for observance to the subordinate outer offices, and this shall likewise serve as a guideline at this office in occurring instances. Regarding the servants, I thank Your Right Noblenesses for your affection. Samarang the 4th of September 1744 Page: 809 Samarang the 4th of September Anno 1732 Thank, both for the permission granted to Captain Bernard De Chateauvieux to remain serving here in the garrison in place of the deceased Captain Lieutenant Ries, and for the favorable promise that, upon obtaining any noteworthy relief from the Netherlands, the garrisons on Java that have been so severely weakened will be provided with the necessary European soldiers, and I take the liberty to urge this all the more, since during my presence in the Eastern Corner I found it necessary to grant their discharge to the Netherlands to those of the soldiers there, and also those at the further stations on Java, whose time has well expired and who had already repeatedly and persistently made requests for it, the number of whom now already, contrary to expectation, amounts to over one hundred individuals. Meanwhile, expressing thanks to Your Right Noblenesses for the provisional sending, on three separate occasions, of 135 European soldiers with their officers and non-commissioned officers, in addition to the Company's Sepoys, while no care is spared here for the rearing of the children in the poorhouse and among the congregation to become soldiers, sailors, and craftsmen, for which annually those who have reached the required age are employed, and there are also some to be found here who strive to make themselves proficient in their trade. Furthermore, to render a brief report to Your Right Noblenesses of the matters that occurred to us on my journey to Java's Eastern Corner, I first take the liberty, while presenting the daily journal kept on that journey, to express special thanks to Your Right Noblenesses, both for the graciously and favorably granted discharge and repatriation to the Netherlands upon my proposal of Senior Merchant and former Surabaya Administrator van der Niepoort, who is presently at Batavia with his family, as well as for the appointment of the Grissee Resident Barkey, designated to become Administrator over Java's Eastern Corner in place of his successor Foekens who died prior to assuming that duty, to whom during my presence at Surabaya proper transfer of the Company's cash, goods, effects, and what more was duly made by the aforementioned Honorable van der Niepoort, and who has also provided the required sureties for accountability according to the order to satisfaction.
Dutch transcription
Samarang den 4. September 1734. Samarang den 8„e September 1734 pag 187 12: p:s Ijzere Canons van 3: lb: aan den sulthan afge„ „ven ten einde daar door te voldoen aan het derwe„ „ in stegde „gen bevorens door sijn Hoogheid Gedaan versoek van de ter Hoofdplaatse verbleeven Geweeren, zijnen Sulp„ „troupas, waar bij ik dien vorst, als uit eigen beweeging een Complimentje heb laten maken, dat na infor„ „matie in de afgave ter Swapenkamer te Batavia een abues van mindere Bediendens heeft plaats Gehad, en heeft sijn Hoogheid daar in volkomen berusten„ „de sijn dank betuijgd voor de Gemelde Canons Dat de Bevending van Dain Toepoe naar Balij; wel behandeld in tot Genoegen Duwer Hoog Edelhee„ „„den heeft Gestrekt, is mij seer tot Satisfactie en val ik van de Qualificatie uwer Hoog Edelheedens, om „dien zendeling voor sijn Gedaane Goede diensten nog met Een Smaal Geschenktje te beloomen, gebruik maken, soodra denselve weder Hier verscheurd Alvoorens ik van dit Hoofdeel sheide, vind ik mij verpligt uwe Hoog Edelheeden te moeten ken„ „nisse Geeven van dies keijder versoek zoo wel als die van den kroonpans tot het doen van een spring„ „togtje van den Laastgemelden naar Samarang en hoewel ik dit eerst Beleefdelijk getragt had aftewerken, hebit sulx egter op hunne Hoogheedens andermaal daar toe betoonde Genegentheid Gepermitteerd, mits egter even als in ao 1781 alhier sonder veel statie van Omslag verscheinende, Gelijk ik denselven dan ook met desselve vrouw tegens medio„ October aanstaande hier verwagt, om voor een dag 8: of 10:: in 's Gouverneurs buiten buijd zigt rijk op de weg van Bodjong te Logeeren. Daulij uwe Hoog Edelheeden, met approbatie van „de alhier onder 't Art:l van vrvreemde Natien, beweesen adsistentie aan het Engels scheepje Heer Pallas Gelieven aante„ „merken, dat vermits den Souverain Verpligt is, de Engelsche Natie de vrije vaert in de Oostersche Beek toetestaan de noodsaakelijkheid thans soo veel te meer vereischt, hun scheepen van de Javaske stranden te ver„ „wijderen, en dat men hun bij toevallige aankomst Geen ander Gerief of bijstand, behoord alson die men volgens de pligt der menschlievendheid niet kan weigeren of onthouden, heb ik die aanmerking ter observantie, Perculaer na de onderhoorige buijten Comptoiren laten „maken en sal dit insgelijks ten deesen Comptoire bij voorkoomende Ge¬ „legendheeden tot een rigtsnoer strek„ Belangende de Dienaaren, sog ik uwe Hoog Edelheeden genegentheid dank„ „ken. Samarang den 4. September 1744 Pag: 809 Samarang den 4: September A:o 1732 Vank, soo voor de permissie aan den Capitain Bernard De Chasteauvieur om alhier in 't Guarnisoen, insteede van den overleedenen Capitain Luijtenant Ries te mogen blijven militeeren, als voor de Gunstige toesegginge, om bij eenig uit Neederland te bekoomen naamwaardig ontset, de soo seer op Ia„ „va verswakte quarnisoen en met de nodige Europee„ „se militairen te voorsien, en neem ik de vrijheid, seer„ op, om soo veel te meer aantedringen, vermits ik bij mijn aanweesen in den oosthoek noodsaakelijk Gevonden heb, om de sulken van die krijgers aldaar, en ook die op de verdere Comptoiren op Iava, wel„ „kers tijd ruim is g'expireert en die bereeds te meer„ „maalen daarom bij aanhoudendheid versoek had„ „den Gedaan, Hunne verlossing naar Needer„ „land te accordeeren, en welkers getal nu al boven verwagting tot over de Hondert stuk uitmaken, Intusschen Duwe Hoog Edelheeden dank betuijgende voor de buijten de Compagnie Sipaijs in drie disffaren„ „te keeren provisioneele toesending van 135: koppen Eau„ „kopeese krijgers met derzelvers Officieren en on„ „deer Officieren, terwijl 'er alhier Geen sorge word Gespaard, voor den aankweek der kin „deren in het armhuijs en onder de Gemeente tot sol„ „daaten, mattroosen en Ambagtslieden waer toe en Jaarlijks de sulke die tot de vereischte Paa„ „ren gekoomen sijn, G'omploijeert worden, en 'er hier ook al te vinden sijn, die sig beijveren om sig in hun mitje be„ „kwaam te maken Om Voorts aan uwe Hoog Edelheeden een kort ver„ „slag te doen van de zaaken, die wij op mijne reise naer F Javas Oostsoek voorgekoomen sijn, neem ik alvoorens, onder aanbieding van het op die reioe gehouden Dag= Register, de vrijheed uwe Hoog Edelheeden speci„ „aal dank betuijgen, zoo voor At op mijn Gedaane voordragt Gratieuselijk en favorabel toegestaan ontslag en verlossing naar Neederland van den sig apparent beneevens famitje te Batavia sig bewin„ „dende Opperkoopman en Geweesen Sourabaijs Ge„ „saghebber van der Niepoort als voor de aan„ „stelling van den insteede van desselfs voor de aan„ „vaardinge van dien dienst overleedenen Successeur Foekens tot Gesaghebber over Iavas Oosthoek Geligeerd Grissees resident Barkeij, aan wien bij mijn aanweesen te Sourabaija door den opgemel„ „den E: van der Niepoort behoorlijk Transport van 's Compagnies Contanten, Goedaren, Effecten en wesmeer Gedaan is, en die ook voor de veran„ „twoording na de order de vereischte borgen tot Genoegen heeft gesteld. toe schoon
English
Samarang the 4th September anno 1784 Samarang the 4th September 1784 Page 181 Although I would very reluctantly burden Your High Noblenesses with reports that relate to the renewal and repair of some of the fortification works and buildings, I nonetheless believe myself bound to bring to Your High Noblenesses' attention the principal defects and flaws from which I found the same to be suffering, so that decisions regarding their repair can be made by Your High Noblenesses according to Your own best judgment. The Resident's house at Japara, already being a rather old building, has become virtually uninhabitable because the beams and other timber work have from time to time been greatly gnawed away and consumed by white ants, whereby even the former Resident van Panhuijs was forced not only to erect a plank dwelling at a certain distance from there, on the other side of the intervening hill, but moreover also to have the front gallery of the old house torn down because it threatened to collapse. Thus the entire old Resident's house must be demolished and a new one built. However, this could be done without disadvantage to the Company if Your High Noblenesses would please grant authorization, in the manner that has taken place elsewhere on Java, to have the construction carried out for the account of the Company, on the condition however that the Residents pay ten percent of the costs annually in rent, whereby the Company will recover the disbursed capital in the span of ten years, and, obtaining the house free and clear, it can subsequently be inhabited by the Residents in exchange for its maintenance. The small fort at the post of Joana, besides suffering greatly from water during the west monsoon due to its low elevation, is found, despite being kept clean, to be in a very defective state because the rampart walls as well as the faces of the northeast and southeast bastions are cracked and broken, so much so that they have even had to be shored up with buttresses to withstand the cannons. Several of the interior buildings not only have cracks in their walls, but also suffer from other defects, besides the fact that the warehouse is too small for storing the rice and also several of the beams therein have split and the pillars have given way; and besides the fact that according to the report of the Resident the roofs of most of the buildings suffer from leakage, the roof of the rice warehouse, and also those of several other buildings, rests in part upon the rampart wall, which obstructs the defense of the curtains to no small degree and also greatly hinders the communication of the batteries. And because from the aforementioned and other observed defects the situation in which that small fort finds itself is made evident, to whose rampart walls and batteries no repairs would be lasting or useful unless the entire small fort were torn down and constructed on a site of higher elevation, necessity nonetheless requires that the essential repairs to the interior buildings be carried out for the preservation of the Company's rice and other items. At Rembang the small fort and its interior buildings are in a reasonably good state, and the Resident's house, completed there only in the past year, is solidly and strongly built, except that the roof framing was too light and too weak in proportion to the building and the weight of the roof, whereby the same had already partly given way; and to prevent accidents, I immediately ordered Resident Boers to strip the house of its roof and provide it with more sufficient roof framing. The Company's shipyards at both Rembang and Joana being in good order, they were diligently occupied in completing the vessels demanded for Batavia, Ceylon, Bengal, and several other places, which for the most part were on the stocks. The master of the Rembang shipyard, Johannes Hornung, being a man who is both capable and diligent in the service, but who for a considerable time, with his advancing years, has been suffering from a weak bodily constitution and is therefore frequently unable to maintain proper supervision and oversight over the work, I request Your High Noblenesses that a sober and capable person from the head settlement may be found to assist him, someone who in unforeseen events is able to replace the said Hornung as master of shipbuilding, whether in the event of death or should he come to request his discharge. At Bancallang on the island of Madura by the Panembahan
Dutch transcription
Samarang den 4„' September A:o 174 Samarang den 4. September 1734 Pagl. 181 Schoon ik uwe Hoog Edelheeden zeer ongaan„ „ne met berigten soude willen Lastig vallen wel„ „ke betrecking hebben tot vernieuwinge en ver„ „beeteringe van sommige der Fortificatie werken en Gebouwen zoo meen ik egter gehouden te sijn om onder het oog van Hoogsteselve te moeten brengen de hoofd„ „saakelijkste defecten en Gebreeken waar aan ik deselve Laboreerende bevonden heb ten einde overdier verbeeteringe door uwe Hoog Edelheeden na hoogst derselver Goedvinden kan worden Ge„ „disponeerd. De Residents wooning te Iapara bereeds een „tamelijken oud Gebouw sijnde, is om dat de Bal„ „ken en verdere Houtwerken van tijd tot tijd door de witte mieren grootelijkst voorknagt en ver„ „teerd sijn Genoegsaam niet meer te bewoonen, waer door selfs den Geweesen Residento van Panhuijs in de noodsaakelijkheid is geweest niet alleen op een seekere distantie van daar en wel op de ande„ „de zijde van de tusschen beide staande Berg een plan„ „ke wooning te doen oprigten maar daar en boven ook de voorste Gaanderij van het oude huijs te moe„ „ten laten afbreeken om dat deselve dreigde in te „storten, dus de Geheele oude Residents wooning diend afgebrooken en 'er een nieuwe aangebouwd te wor„ „den, egter soude dit buijten nadeel van de Compe Ingtien kunnen Geschieden worden uwe Hoog Edelheeden Qualificatie Gelieften te verleenen om invoege op Ja„ „va meer plaats gevonden heeft, den aanbouw voor reekening van de Compagnie te laten Geschieden onder Gehoudenisse egter den Residenten, dat zij van het kostende Iaarlijks Thien percent aan „huurbetalen, waar door alsoo de Comp=e in de tijd van Thien Iaaren weederom aan het uitgeschoo„ „ten Capitaal Geraakt, en het huijs vrijkrijgende vervolgens het selve door de Residenten voor het onderhoud kan worden bewoont. Het Fortje Ten Comptoire Poana behalven dat het sel„ „ve door dien Laege stand, in de westmoussor zeer veel van het waeter te lijden heeft, bevind sig, niet tegenstaan„ „de sindelijk gehouden word in een seer defecte staet, door dat de val muuren soo wel, ala de faces van de noord oost en suijd oost salve Bastians Gescheurd en bprakt sijn, soodanig dat selfs met Beeren heeft moeten worden Onderteund tot resestentie van het Canon verscheiden der binnen Gebouwen sijn niet alleen aan derselver muuren Gescheurd, maar laboreeren ook aan andere Gebreeken, sijn„ Pakhuijs te „de behalven dat het diend klein E Samarang Den 4:' September 1734 Samarang Den 4:' September ao 1784 pag„o 13, klein is tot berging van de Rijst ook daer in verschei„ „den der valken Gesprongen en de silaaren uitge„ „weeken; en Behalven dat volgens het berigt van den Resident de daaken van de meesten der gebauwen aan Leccagie Laboreeren, rust voor een bedeelte het dak van het Rijst Pakhuijs, en ook die van meer andere Gebauwen, op de walmuur 't welk de defenie der Gordijnen niet weijnig belemmert, en ook de Commu„ „nicatie der Batterijen grootelijkst belet En om dat uit de voorschreeven, en meer andere ontwaarde Ge„ „breeken komt te blijken in welke situatie sig dat fortje Bevind aan welkers walmuuren en Batterijen gee„ „ne reparatien, van bestand of nut souden sijn zoo niet het Geheele fortje afgebrooken en op een plaats van eene meerdere aanhoogte wierd g'extrueerd, soo vereijscht hat evenwel de noodsaakelijkheid om de noodige verbeeteringen aan de Binnen Gebouwen te laten Geschie„ „den tot Conscervatie van Comp:s Rejst en andere Ar„ „tikulen. Te Rembang is het fortje en dies binnen Gebouwen in eene redelijken Goede toestand en de ook daar in eerst in het Gepasseerde Jaar voltooijde Residents wooning Test en Sterk aangebouwd Excepto dat het Spanwerk na rato van het Sebouw en de swaar„ „te van het Dak te ligt en te swak was, waar door Het zelve bereeds voor een Gedeelte was uitgeweesen, en heb ik, ter voorkominge van Ongelukken, direct den Resident Boers Gelast het Huijs van het dak te ontblooten in het selve van een Suficanter Spanwerkt te Voorsien. — S' Compagnies Timmerwerven zoo te Rembang als Joama in Goede order sijnde was men 'er ieve„ „rig besig om de Voor Batavia, Ceilon, Bengalen en meer andere plaatsen g'eischte vaarthuijgen, welke voor het Grootste Gedeelte op stapel stonden te Vol„ „tooijen den Baas der Bembangse Timmerwerp So„ „hannes Horning een man sijnde die soo wel bekwaam als ieverig in den dienst is, doch seedert een Geruijmen tijd bij sijne klimmende Iaren aan eene Swakke Lichaams Constitutie Laboreerende, en daar door veeltijds met instaat sijnde behoorlijk op- en -toe= sigt over het werk te zouden versoek ik uwe Hoog Edelheeden dat 'er tot zijne adsistentie een nugter en bekwaam persoon van de Hoofdplaats mag worden Gevonden, die instaat is om bij voorkoomende Gevallen Gemelde Hornung het zij bij sterfgeval, of dat denselve Sijne demissie kwam te versoeken, als Baas van den scheepsbouw te kunnen vervangen. Se Bancallang op het Eijland Maduka door den Panembahan „te ƒ
English
Samarang the 4th of September Anno 1784. Page 115. Samarang the 4th of September Anno 1784. Having been received and entertained by the Panembahan in the most friendly and dignified manner, I found the Prince's Dalam or dwelling, along with its entire precinct, in very neat and good order, and I was at the same time informed by the present Commandant Petrie and others of the Prince's gentle, yet reasonably well-regulated administration over the inhabitants there, whereby His Highness, setting aside his own personal interests, increasingly drew the affection of the inhabitants to himself. The small fort Bancallang, the annual repairs of which are paid for by the Panembahan, I found cleanly kept and in good condition, although the buildings situated therein, through the passage of time, will soon require renovation. The European bodyguard of the Panembahan consisting of merely one sergeant, 2 corporals, and 7 private grenadiers, His Highness requested of me that the latter might be supplemented with another two men, or up to 9 pieces, because the watch duties otherwise fell rather too heavily upon them; having thus consented to this request, I insist that Your Right Noblenesses please approve the same. Inspecting at Sourabaija the fortification works as well as the Company's buildings, I found the defects and flaws in such manner as they were first reported by the servants in the year 1782 and subsequently by the engineer Tilon in a report of the 14th of July 1783, and furthermore that a portion of the walls of the guardhouse or barracks of the soldiers was heavily cracked from top to bottom, extending into the rampart wall of the small fort on the west side. That the fortifications constructed at the beginning of the war with England on the north side of the city of Sourabaija had partially subsided, and the stone walls filled in between with earth were remarkably cracked in several places, the cause of which, according to the testimony of the former Commander van der Niepoort, is not so much to be attributed to the weak condition of the foundations, but rather that this work, being built on very marshy ground, was too pressed by the outbreak of the war, as a result of which the ground or earth with which the raising and filling had to be done could not dry out sufficiently nor be tamped down; as the repair of all this without partially demolishing the works again will very likely not satisfy the intended purpose, it will be most advisable for the present to leave matters to take their course until one first observes whether the subsidence and cracking worsens or not. Samarang the 4th of September Anno 1784. Samarang the 4th of September Anno 1784. Page 117. and cracking worsens or not. But since open access to Fort Belvidera is now obstructed by the newly constructed works at Sourabaija, whereas the same ought to serve as a retreat and citadel should the city ever be overpowered by the enemy, I therefore request the authorization of Your Right Noblenesses to allow a portion of the aforementioned new works of the city to be demolished in the coming year and to extend the same to the south point of the fort, with a breastwork on the river side; which improvements will cause the Company little or no expense, and on the other hand place Sourabaija in a much better state of defense. Regarding the defects of the warehouse, dispensary, the main guardhouse, the hospital, and other buildings besides, I most respectfully note that they will need to be remedied of leaks and all be provided with new floorings; wherefore, on account of the necessity apparent to me and on the basis of the authorization already granted for that purpose by Your Right Noblenesses in the honored separate dispatch of the 27th of December 1783, I have given the necessary orders to have those repairs carried out in the most economical manner. And since the rice warehouse at that place is far too small for the storage of the annual contingent, whereby that building from time to time suffers not a little from the stacking of the rice sacks up to the tie-beams, the excessive weight and pressure of which causes the bursting of the beams and the bulging of the walls, I have deemed it of the utmost necessity to have that warehouse extended to 60 feet and 30 feet wide, according to the proposal made in the past year by the engineer Tilon; and trusting that Your Right Noblenesses will please approve this, I have granted authorization to proceed with that work the sooner the better. Subsequently, having made some domestic arrangements at Sourabaija with the regents of the Oosthoek present there, as well as with the Panembahan of Madura, in order not to trouble the attention of Your Right Noblenesses with matters of lesser importance, I shall note only the following from them: That the Pangeran and Regent of Sumanap, Notto Coesoemo, to whom—while representing the important losses sustained by the Company in the war between England and the Republic—I had submitted for consideration whether some means or other could not be found to yield for the Company from the Regency of Sumanap, which produced so many advantages for him, Notto Coesoemo, where
Dutch transcription
Samarang Den 4. September A„o 1784. Pag: 115./ Samarang den 4: September A:o 1734. Panembahan op het allen Vriendelijkst en destigst ge„ „recipieert en onthaald Geworden sijnde, vond ik des Srincen Dalm of wooning met dies Geheelen omslag in een seer nette en goede order, en wierd ik teffens door den presenten Commandant Petrie en andere geinfor„ „meert, van des Princen Sagta, doch egter tamelijk Wel Geregulde directie over de Ingereekenen aldaar, waar door sijn Hoogheid meer en meer, met ter zijde Stelling van eigen persooneele belangens, de Liefde der Inwoonders na sig trok Het Fooatje Bancallang, welkens Jaarlijkse repara„ „tien den Panembahan bekostigd, tond ik sindelijk en in eene Goede staat, schoon de daar in staande Gebou„ „wen door langheid van tijd wel haast vernieuwinge sul„ „len Vereisschen. De Europeese Lijfwagt van den Panembahan maar bestaande in een zergeant 2. Corporaals en 7: gemeene Grenadiers, Versogt zijn Hoogheid mij, dat de laat„ „sten met nog twee man ofte 9: stuks mogte worden Gesuppleert, uit hoofde dat voor deselve anders de wagten wat te swaar vielen, in welk versoek ik dan ook bewilligd hebbende, insteere ik dat uwe Hoog Edel„ „heeden Sulx Gelieven te approbeeren. Te Sourabaija de fortificatie werken soo wel, als Com„ „pagnies Gebouwen besigtigende, bevond ik de defecten en Gebreeken in soodaniger Voege, als deselve eerst door de Bediendens in den Jaare 1782: en Vervolgens door den Ingenieud Tilon bij berigt van den 14: Iulij 1783. sijn opgegeeven, en overoulx dat een Gedeelte der muuren van de wagt of Ba„ „racq der militairen Grootelijkst van boven tot beneeden Ge„ „scheurd waren door loopende tot in de Walmuur van het fortije aan de westkant. Dat de nu eerst in den beginne des oorlogs met Engeland aan de Noordkant van de stad Sourabaija aangemaakte for„ „tificatien, gedeeltelijk Gesakt en de tusschen beide met aarde Opgevulde Steene muuren op Wenscheiden plaatsen merkelijk Gescheurd waren, waar van volgens Getuigenis„ „se van den Geweesen Gezaghebber van der Niepoort, de Oorsaeke daer van niet soo seer toete schrijven is, aan de swalke Gesteldheid der fondamenten, als wel dat dat werk op eene seer moerassige Grond Gebouwd sijnde, door den ontstaane Oorlog te seer is Gepresseert geweest, waar door de Grond of aarde, waarmede de ophoging en aanvul„ „ling heeft moeten Geschieden, met genoegsaam heeft kun„ „nen uitdroogen nog aangestampt worden; De repara„ „tie van 't een en ander sonder de werken Gedeel„ „telijk weder aftebreeken, veel Ligt aan het oogmark niet sullende voldoen, sal het raadzaamst zijn, om het daarmeede vooreerst op sijn beloop te laaten, tot dat men eerst ontwaard, of het sig, met de sakking en en e Samarang Den 4: September A„o 1734 Samarang den 4:' September a„o 174: pag: 17: en scheuren Verergert ofte niet Doch dewijl thans door de nieuw aangelegde werken te sourabaija den opentoe„ „gangh tot het fort Belvidera benomen is, daar egter het selve behoorde te dienen tot eene retracte, en Citadel, wan„ „neer de stad eens door den Vijand Wierd overmeesterd, soo versoek ik de qualificatie uwel Hoog Edelheden, om in het Aanstaande Jaar, een Gedeelte der meer„ „melde nieuwe werken der stad te mogen laten afbreeken en om 't selve aan de zuijdpunt van het fort aantetrek„ „ken, met een Borstweering aan de rivila kant; welke verbeeteringen de Compagnie wanig of Geene kosten sal veroorsaaken, en daar en tegen Sourabaija en een deel beetere staat van defensie stellen. Belangende de Gebreeken aan het Pakhuijs, Dispens, de Hoofdwagt, Het Hospitaal en andere gebouwen meer„ noteer ik eerbiedigst, dat deselve van de Leccagien sullen dienen Verholpen, en alle van nieuwe bevloerin„ „voorsien „gen moeten „ worden, waarom ik dan ook uit hoofde van de mij voorgekomen noodsaakelijkheid, en op fundament van de door uwe Hoog Edelheeden. bereeds daar toe bij g'eerde aparte missive van den 27: December 1783. Verleen„ „de Qualificatie, de nodige orders Gesteld heb, om die repa„ „ratien op de menagieuste wijse te laten Gevolg neemen. En Dewijl het Rijst Pakhuijs daar ter plaatse veels te klein is, ter opschuuringe van het Iaarlijks Consingent, Waar door dat gebouw van tijd tot tijd met weinig te lijden heeft, door de opstaapeling der Rijst sakken tot aan de haan Balken welkers overmatige swaarte en drukkinge het springen der Balken en uitwijkinge der muuren ver„ „oorsaakt, sel ik het van de uiterste noodsaakelijkheid Se„ „oordeeld, om dat Pakhuijs te moeten laten Verlangen, na de daar van door den Ingenieur Tilon in het gepasseerde Iaar Gedaane propositie, tot 60. voeten en 30: Voeten breed, en in vertrouwen dat uwe Hoog Edelheeden sulx sul„ „len Gelieven goed te keuren, heb ik qualificatie verleend em met dat werk hoe eerder hoe beeter voortgank te doen maken; Vervolgens te sourabaija met de aldaar aanweesende Regen„ „ten des oosthoeks Soo wel, als met den Panembahan van Madura eenige huijselijke beschikkingen Gemaakt hebben„ „de, zal ik om uwe Hoog Edelheeden attentie, met geen zaaken van minder belang, lastig te vallen, van deselve eenelijk de volgende noteeren Dat den Pangerang en Sumanaps Regent Notto Coe„ „soemo, die ik onder Voorstelling van de importante over„ „liesen, die de Maatschappij bij den Oorlog tusschen Enge„ „land en de Ripublik heeft, in Consideratie Gegeeven had, of er niet het een of ander middel te vinden soude sijn, om de Compagnie, uit het Sumanapsche Regentschap, welke hem Notto Coesoema soo zeel voordeelen op„ waar „leeverden
English
Samarang, the 4th of September Anno 1784. Samarang, the 8th of September Anno 1784: Pages 19.— to somewhat meet the deliveries, after having considered for some time, has declared himself inclined thereto, besides the contingents and the recognition of the salt negorij Singir Papas, to furnish annually in cash the sum of eight thousand Spanish reals, commencing as of the end of February 1785, and of which obligation the said Regent has also directly executed a bond, of which I have the honor herewith to present the duplicate to Your High Nobilities, in the hope that Your High Nobilities will please be satisfied therewith. That to the Pangeran of the island of Lubok, or the Bawean, on account of the continuous admission of so many vessels from the places across the straits, with an appropriate reproach regarding his excessive indulgence in this matter and his conduct further running contrary to the contract made by him with the Company, I have announced that henceforth the export of rice to the Bawean will be tolerated from no other place in Java than Sourabaya alone, and that exclusively consisting of paddy, in the quantity of 3000 amatten, or as much less as the inhabitants of that island shall strictly require for their subsistence, in order thereby to prevent Riouw and other places across the straits from being assisted with any rice; with an interdiction at the same time that none of the Chinese or other Javanese, except the inhabitants of the Bawean themselves, shall be permitted to transport any rice or paddy to that island, on pain of confiscation of vessel and cargo. And whereas the Bookkeeper Fredriksz, whom I had dispatched on a mission to the aforementioned island in the spring with one of the Company's pantjallangs, reported to me upon his return that the erection of a Company fort there would serve only as a burdensome post, as the poverty of the inhabitants and the numerous bays or coves on that island where the traders can land would not permit any collection of tolls or any other revenues for the Company to be made there with success, and that it was impossible for him, Fredriksz, to have surveyed all the coves, because people did not seem inclined to give an accurate report thereof, and the inhabitants would not gladly see the Company come to take possession, so that it will appear to Your High Nobilities in substance from the report itself, which I have the honor to present to Your High Nobilities; yet because I have deemed it necessary, in order to prevent the illicit trade with those across the straits, and often even with vessels from Samarang, the 4th of September Anno 1784. Samarang, the 8th of September Anno 1784. page 1727, from and to Bancahoeloe, Riouw, Mandhaer, and several others, I have considered it essential to maintain at least for the present some oversight, in order to check as much as possible the illicit navigation and trade, and for which purpose I have therefore proposed the aforementioned Bookkeeper Fredriks, with and alongside 1 sergeant, 2 corporals, and 18 privates from the one hundred native soldiers recently discharged here, which I trust will be approved by Your High Nobilities; On the occasion that there were also present at Sourabaija the Passourouang and Banjewangi Commanders Van Rijck and Kaijsel, together with the Regents of Eastern and Western Balemboangang, I inquired into the present state and condition of those lands, concerning which I received the report that the same, and in particular Eastern Balemboangang, had greatly increased in agriculture as well as in inhabitants, with the prospect of expanding even further from time to time; and because at the end of this year the period is due to expire anew, during which Your High Nobilities were pleased to exempt the inhabitants of the said conquests from all taxes, I proposed to the Regents whether it were not fair, now that so much consideration had been shown toward them and the inhabitants and they had thus far been exempted from all taxes, that they should now also consider meeting the Company somewhat for the burdens and costs spent on those conquests by supplying some products. They showed themselves very well inclined thereto, wherefore, in the presence of both the Commanders at Passourouang and Banjoewangie, as well as the departing and incoming Governors Van Der Niepoort and Barkeij, I made the following arrangement and agreed with them: That for the present, for the period of three consecutive years commencing on the 1st of January 1785 and ending on the last of December 1787, the annual delivery of products to the Company should take place as follows by the Regent of Eastern Balemboangang, Tommagong Wiero Goeno: 40 cooyangs of rice for free, together with as much indigo as he should be able to deliver against the ordinary payment in Java for that article of 83 1/3 rixdollars per picol, and that moreover, to encourage the cultivation thereof, a bonus should be paid on every sound picol of indigo delivered of 16 2/3 rixdollars, half of which to be distributed to the common man. By
Dutch transcription
Samarang den 4: September A„:o 1734. Samarang den 8: September a„o 1734: Pagp:s 19.— „leeverden wat te gemoet te komen, zig na eenigen tijd be„ „dagt te hebben Gedeclareert heeft Guneegen te sijn daartoe, buij„ „ten de Condengenten, ende recognitie van de Sout Negorij Singir Papas Jaarlijks te fourneeren aan Contanten de Somma van Acht Duijsend Spaanse reaalen, aanvang sullende neemen onder ultimo Februarij 1785. , en van Wel„ „ke verpligtinge dien Regent ook direct een verbandschrift heeft gepasseert, waar van ik de eer heb uwe Hoog Edelheeden in deesen de weedergaapde aantebieden, in hoope dat Hoogst deselve daarin gelieven genoegen te neemen. Dat ik den Pangerang van het Eijland Lubok of de Bavi„ „aan, om de Wille van de gedurige admissie van soo zeele vaar„ „tuijgen van de overwalsche plaatsen, onder eene Gepaste repro„ „che over sijne in deese verregaande toegevendheid en de ver„ „ders tegens het door hem met de Compagnie gemaakte Con„ „tract. aanloopende handelwijse aangekondigd heb, dat voor„ „taan den Uitvoer van Rijst naar de Baviaan van geen ander plaats van Iava sal worden getolle„ „reerd, dan alleen sourabaija, en dat wel eenelijk in Padij bestaande, ter quantiteijt van 3000. Amatten, Of soo veel minder als de Ingeseetenen van dat Eij„ „land mondjes maat sullen benodigd zijn, ten einde daar door te beletten, dat Riouw en andere over„ „walsche plaatsen met geen Rijst Geadsisteerd wor„ „den; met intendictie teffens dat het aangeene der Chinee„ 6 „sen of andere Java buijten de Inwoonders van de Baviaan E selfs, sal Gepermitteerd worden naar dat Eijland eenig Rijst off Padij te vervoeren, sub pare. van Confiscatie C Van Vaartuijg en laading En Dewijl den Boekhouder Fredriksz: die ik in het voor Jaar met een der Compagnies Pantjallangs in Com„ „missie naer het opgemeld Eijland Gevonden had, mij bij sijn terug komste berigt heeft, dat de opregting van een Compagnies fortye aldaar niet dan tot een Lastpost soude strekken, alsoo het onvermogen der Inwoonders, ende meenigvuldige Baaijen of Inhammen aan dat Eij„ „land, alwaar de Handelaars kunnen aanlanden, niet permitteeren soude, aldaar eenige thol heffinge nog te eenige andere Inkomsten voor de Compagnie met Succes te doen, en dat het hem Fredriksz: ondoenlijk is Geweest alle de Inhammen te hebben kunnen opnee„ „men, door dat men 'er niet geneegen toescheind te sijn daar van de rieele opgave te doen ende Ingeseetenen niet gaarne soude sien dater de Compagnie poses„ „sie kwam te neemen, invoege uwe Hoog Edelheeden in Substantie blijken sal uit het berigt selfs, die ik de eer heb Hoogst deselve te presenteeren; doch dewijl ik het nodig geoordeeld heb, dat 'er ter voorkoo„ „minge van den ongepermitteerden handel met de over„ „walders, en de veeltijds selfs met vaartuijgen. „ sin Van Samarang Den 4:' September A„o 1784 Samarang Den 8 Septembr a: 174. pag.:o 1727, van en na Bancahoeloe, Riouw, Mandhaer en meer andere, heb ik het noodsaakelijk Geagt om er ten minsten voor eerst een opsigt te doen houden, ter weeringe soo veel doenlijk is van den ongepermitteerden vaart en handel, en waar toe ik dan ook Gepaojecteerd heb, den opgemel„ „den Boekhouder Fredriks, met en beneevens v: ser„ „geant, 2: Corporaals en 18: Gemeene uit di alhier nu Jongst afgedankte Een Hondert Inlandsche militairen, dat ik vertrouwe door UwE: Hoog Edelheedens sal worden Goedgekeurd; Bij Geleegendheid dat ook te sourabaija present wa„ „ren de Passourouangs en Banjewangische Com„ „mandanten Van Rijck en kaijsel, mitsgaders de Regenten van ooster en wester Balembo„ „angang, informeerde ik mij na de tegenswoordige staat en toestand dier Landen, waar van ik het berigt kreeg, dat deselve, en in't besonder ooster Ba„ „lemboeangang Seer in den Landbouw soo wel als aan Jnwoonders was toegenomen, met apparentie van zig van tijd tot tijd ook nog meerder te sullen uit„ „breeden en om dat met het eende van dit Iaar de tijd op 't' nieuw Staat te Expieeren, in dewelke ouwe Hoog Edelheeden de Inwoonders van Gemelden Conquesten van alle belastingen hebben believen vrij te laaten stelde ik de regenten voor, of het niet billijk was, dat nu 'er soo veele Consideratie met hun ende Jnwoonders is Gebruijkt en zij tot dus verre van alle be„ „lastingen waeren vrij telaaten, sij nu ook eens bedagt waren, de Comp:e voor de Lasten en kasten aan die Conques„ „ten besteld met Leverancie van eenige Producten te Gemoet te komen betoonden deselve sig daartoe seer Geneegen wesweegen ik met hun in bij weesen soo wel van de Commandanten te Passourouang en Barjoe„ „wangie, als van den afgaande en aankomenden Gesag„ „hebber van Der Niepoort en Barkeij de na„ „volgende schikkinge heb Gemaakt en met hun overeen„ Dat voor eerst voor den tijd van drie agtereen volgende Jaaren aanvang neemende met p„mo Januarij 1785. en eindigende Sultimo December 1787. de Jaarlijkse Le„ „verancie van Producten aan de Comp: Soude Geschie„ „den als volgd door den regent van Ooster Balem„ „boangang Tommagong Wiero Goeno. 40: Cooijangs Rijst voor niet mitsgaders Soo veel Indi„ „go, als instaat Soude Sijn te kunnen leeveren te„ „gens de ordinaere betaaling op Java Voor dat artikul van 83 1/3 rd„s per pisol, en dat daar en boven ter aanmoediging der Cultuure van het selve tot een douceur soude worden betaald op ieder deugdsaam geleverd wordende picol Indigo 16 2/3. Rto„ om voor de helft aan den gemeenen mante worden uijtgedeeld. „gekomen ben. 8 billijk e Door
English
Samarang, the 4th of September in the year 1784 Samarang, the 4th of September 1784 By the Regent of Western Balemboangang, Prowiero Diningrat, for the districts under his jurisdiction: Pradjakan, 2 picols of long pepper and 2 picols of wax; Centong, 7½ picols of wax; Djember or Adirogo, 1 picol of wax; Sabrang, 7 picols of cotton yarn and ditto of wax, the cotton yarn against payment of the ordinary price, and the remaining articles for free. And since conditions in these districts are not yet as flourishing as in Eastern Balemboangang, and the great remoteness of those places makes the transport of goods very difficult, I have for the time being exempted the aforementioned Regent from the delivery of rice. The regencies of Passourouang, Banger, and Bangel, having been exempted by Your Right Noble Excellencies since the year 1781, now find themselves once again in a position to make their formerly obligated deliveries, and therefore: The Regent at Passourouang, Adipattij Nitie Diningrat, the annual provision of 60 cooijangs of rice, and then also 10 from the district of Torong, both for free, with an exemption, however, of the 3 picols of cotton yarn formerly also delivered. The Regent at Banger, Tomm. Doidjo Nogoro: 8 coijangs of rice for free, 6 picols of wax, 2 of cotton yarn against payment, and also from the district of Lamadjang 2 picols of wax for free. The Regent at Bangel, Ingebij Toero Adiwidjoidjo: 10 coijangs of rice for free and 2 picols of cotton yarn against payment; in which arrangement I trust that Your Right Noble Excellencies will be pleased to acquiesce and grant Your highest approval thereto. At the trading station Guissee, nothing special has occurred to me, other than that the small fort there also suffers from various defects, and that it is likewise of little defense on the landward side due to the proximity of the Resident's residence and that of the Regent, along with several others, and that the interior buildings inside the fort itself will also soon require repairs. Finally, I take the liberty to note that, upon receipt here of the news of the fatal incident that befell the ship Europa on the voyage from here to the capital, orders have been issued, instead of loading the ship De Vriendschap, expected from Banda in the Eastern Corner, with rice, to put on board the Tinkam and other planks available at Guissee, and with these to let it drop down to Rembang, in order there and also at Joana to be further loaded with light timber, as it is presumed that there will be a shortage of planks and other light wood in Batavia due to the loss of the cargo of the ship Europa, and there is presently no other opportunity for transport at hand on Java than with the ship De Vriendschap, if only that vessel turns up quickly. With complete high esteem, obedience, and respect, I furthermore have the honor to remain, below stood: Title, lower: Your Right Noble Excellencies' humble and faithful servant, was signed: J. Siberg. In the margin: Samarang, the 4th of September in the year 1784. Underneath: P.S. When Your Right Noble Excellencies shall have decided upon the improvement of the lodge at Souracarta, and be pleased to honor me with Your highest order in that regard, I then respectfully request to receive back also the plans presently transmitted, as no copy thereof is available here. With respectful reference to my last humble letter of the 4th of this month, now proceeding to reply to Your Right Noble Excellencies' most venerated letters of the 12th ultimo and 14th of this month, I express in the first place my dutiful thanks for the gracious consideration which Your Right Noble Excellencies have been pleased to give to my nomination made for the appointment of the Regents of Batang, Kandal, Padjancoengan, and Palo, while I Right Noble, Stern, Highly Honorable Lord! Honorable Stern Sirs The Honorable Stern Sirs Councilors of the Netherlands Indies etc. etc. etc. Batavia. To His Right Noble Excellency, The Right Noble Stern, Highly Honorable Lord Mr. Willem Arnold Alting Governor-General, and
Dutch transcription
Samarang den 4. September A:o 174 Samarang den 4: September 11724 Door den Regent Van Wester Balemboangang Pro Wiero Diningrat voor de onder hem staande Landsteed„ Pradjakan, 2 picols Lange seeper en 2 picols wax Centong, 7½ picol wax. Djember of Adirogo, 1 picol Wax Sabrang, 7. picol Catoen garen en dito. Dwax, het latoen gaaen teegens betaaling van de ordinaire prijs ende overige artikulen voor niet. En dewijl het met deese Landstreeken nog soo seer florisant niet gesteld is, als in ooster Balemboangang, en de verre afgele„ „gendheid dier plaatsen het transport van goederen seer moeijelijk maakt, heb ik den opgemelden Regent voor eerst nog gelibereert van de Leverancie van Rijst. De Regentschappen van Passourouang Banger en Ban„ „gel seeder het Jaar 1781 door Iuwe Hoog Edelhee„ „den gelibereert geworden sijnde vinden Sig voor als nu ook weder instaat hunne bevorens verpligte Leve„ „rancien te doen, en mits-dien; Den Regent te Passourouang Adipsattij Nritie Diningrat, de Jaarlijkse besorging van 60: Cooijangs Rijst, en dan ook nog 10 „ „ uit het district Torong beide voor niet, met Excuseeringe egter van de bevoorens ook Geleverde 3. picols Catoen haren. Den Regent te Banger somm. Doijo Nogoro 8. Coijangs Rijst: voor niet 6 picols wax 2 „ Cattoen Garen tegens betaaling, en ook nog uit het district Lamadjang. 2: picols swax voor niet. Den Regent te Bangel, Ingebij Ioero Adiwijoijo 10: Coijangs Rijst voor niet en 2 picols Catoen Garen teegens betaaling in welkeen en ander schikkinge ik vertrouwe dat uwe Hoog Edel„ „heeden sullen Gelieven genoegen te neemen, en daar toe Hoogst derselver goedkeuringe verleenen. Ten Comptoir Guissee mij niets bijsonders voorgekomen sijnde, als dat het Fortje aldaar meede aan verscheide defecten Laboreert, en die teffens aan de Landkant, door de nabijheid van 's Residents wooning, en die den Regenten mitsgaders verscheiden andere van weinig defensie is, en dat de binnen gebouwen in het fortje selfs, meede al spoedige reparatien zullen vereisschen. — Laatstelijk neem ik de vrijheid te noteeren dat men van hier, bij de ontfangen tijding van het fataal geval, dat het schip Europa op de reise van hier naar de Hoofdplaats is overgekomen. orders gesteld heeft, om het van Banda in den oosthoek Verwagt wordend schip de Vriendschap in„ pag:s 123. oppicola „steede „ken. Samarang Den 4. September A„o 1784 Samarang Den 30: September 1784: pag„o 125. / „steede zan niet Rijst te belaaden de te Guiessee aanhan„ „den sijnde Tinkamse en andere planken in te geeven, en daar mede na Rembang te laten afsakken, om aldaar en ook te Ioana Verders met ligte houtwerken te worden Tollaaden, alsoo men vermeend, dat 'er te Batavia door het verlies van de Laading van het schip Europa Gebrek aan planken en ander ligt Hout zijn sal, en 'er thans op Iava Geen andere Geleegendheid tot transport aanhanden is, dan met het schip de Dvriendschap indien anders dien bodem maar schielijk komt opdaagen. - Met voolmaakte hoog agting, gehoorztaamheid en eerbied, ha„ „ve ik mij voorts de eere te blijven; /: onderstond:/ Titul /:Lager:/ uwer Hoog Edelheeden onderdanige en getrouwe dienaar /:was geteekend:/ I:s Siberg. /: in margine sama„ „rang den 4:' September A„o 1784 /: daar onder: / P: S: Wanneer uwe Hoog Edelheeden over de verbeeteringe der Lo„ „gie te Souracarta zullen hebben gedisponeerd, en mij diend„ „weegen met hoogste Denselver order gelieven te umneeren, dan insteere ik eerbiedig, de thans overgaande Plans, ook te rug te moogen ontvangen, alsoo daer van geen Copia alhier, aanhaarden is. Onder Eerbiedige referte aan mijne laaste nedrige van den 4=e hujus thans ter beantwoordinge treedende van uw Hoog Edelheedens zeer Gevenereerde van den 12. pass„o en 14- deezes, betuijge ik in de eerste plaats mijne verpligte dank voor de Gratieuse reflectie, welke uwe Hoog Edelheedens hebben gelieven te slaan op mijne gedae„ „ne voordragt in de aanstelling der regenten van Ba„ „tang, kandal, Padjancoengan, en Palo, terwijl Hoog Edel, Gostrenge, Groot, Achtbaeren Heere! WelEdele Gestrenge Heeren De Wel Edele Gestrenge Heeren Raaden van Needer„ „landes India enz: enz: enz: Batavia. Aan Zijn Hoog Edelheid. Den Hoog Edel Gestrenge, Groot Achtbaeren Heer M„r Willem Arnold Atting Gouverneur Generael, en ik
English
Samarang, 30 September Anno 1724 Samarang, 30 September 1774, page 1727 I am no less sensible of the so striking and high mark of confidence which Your High Nobilities have been pleased to deign to grant me, in so favorably leaving it to me to appoint, instead of the deceased old Pangerang Widjel, as Pangerang over the regency of Adilangoe the person who should appear to me most suitable for it; and since in the person of the deceased's eldest son, named Brotto Coessoema, whom I had already proposed to Your High Nobilities, not only were the requisite qualities found, but he also appeared to me as the best, most suitable, and most capable subject for Regent of the aforementioned district, I have therefore confirmed him as such under the name and title of honor of Pangerang Widjel, and granted him the proper proof thereof. I have the honor both to give Your High Nobilities the dutiful notice thereof, and to present most respectfully to the same herewith the deeds of engagement both of the aforementioned Pangerang Widjil and the other regents, for whose deeds of appointment I likewise express my gratitude. The dispatch of the gifts for the King of Sambas, brought here by the yacht De Twee Gebroeders, having already taken place by the pantjallang De Valkenaar bound for Pontiana, and the dutiful notice thereof having been given to Your High Nobilities by the general missive of the 10th of this month, I take the liberty to refer thereto, offering humble thanks both for the permission so favorably granted to the Captain of the dragoons, De Chateauvieux, to make a short excursion to the capital of the Indies, and for the passage granted to his wife together with her two daughters to the Netherlands with one of the ships of the upcoming return fleet. The soldiers of the ship De Zilvere Leeuw having been removed from that vessel and detained here pursuant to Your High Nobilities' authorization, they will be sent with the ship scheduled to make the voyage to Ternate this year; just as, in compliance with Your High Nobilities' revered order, the gifts prepared both there and here for the respective Javanese rulers have already been recalculated and charged to Batavia. For the promotion of Quartermaster Jacob Grijsen to second mate, to be placed as commander on one of the galouets, I offer thanks; while, as a result of Your High Nobilities' decision to dispense with the ordered convoy to Malacca, since the merchants themselves are not very inclined to regulate their voyage accordingly, there will depart from here tomorrow for Malacca 5 barkentines carrying a cargo of well over 800 Javanese coyans, and for Palembang several smaller vessels, taking with them the designated export of 400 coyans of rice. All of them proceed without convoy, though after all without any the slightest fear or apprehension of danger from the side of the Riau people, of whom nothing is heard on Java at present. Nevertheless, they have been very seriously advised above all to be constantly on their guard and to remain combined as much as humanly possible during the voyage, as well as to inquire most carefully at Palembang into the state of affairs in the Strait of Malacca, in order to regulate themselves according to the circumstances and information to be obtained. At the same time, a European sailor who can read and write has been placed on each Malacca barque from here, to keep notes during the voyage of whatever matters may occur, and also to be able to make some signals to the vessels, as well as to keep the skippers together in case of any attack and to encourage them. Of the four galouets, two have already been readied for Ternate, and all possible haste will also be made with the other two, so as to be completely ready by the arrival of the ship Den Tempel destined for the aforementioned Government. Meanwhile, one of the two mentioned above, named Den Arend, sails over herewith to the capital of the Indies, both for examination and as proof of the good expectations one may hold of such vessels in the expedition for Ternate, which I hope will be favorably approved by Your High Nobilities. In the meantime, in the care of those hulls, the requisite attention will be taken to equip them according to the intention of Your High Nobilities, to man them with 10 to 12 Europeans, and to provide them with as many Javanese sailors as shall be found necessary. Thus, I shall also look forward with longing to the four capable mates promised by Your High Nobilities to be placed as commanders on those vessels. However, I also respectfully request Your High Nobilities that the necessary mate's tools, cook's and cabin wares, or whatever the usual provisions for mates sailing on pantjallangs entail, may be promptly sent here for those four galouets.
Dutch transcription
Samarang den 30. ' September A„o 1724: Samarang den 30: September: 174: pag:o 1727 ik niet minder Gevoelig hen voor de soo doorslaande hoogE blijk van vertrouwentheid welke 't uw Hoog Edelheedens hebben Gelieven te behragen mij tet geeven, in aan mij soo Gunstig gedefereerd te laaten om insteede van den overlee„ „dene ouden Pangerang Twidjel tot Pangerang over het Re„ „gentschap Adilangoe aante stellen, den geene welke mij daar toe het Geschiktste zoude voorkoomen: en vijl in den per„ „soon van den door mij bereede bij uwe Hoog Edelheedens voor„ „gedraagene oudste zoon van den overleedene in naame Brotto Coessoema, niet alleen de vereijschte hoedanig„ „heeden, Gevonden wierden maar mij ook als 't best, 't meest Geschikt en 't bekwaamst voorwerp tot Regent van 't Voor„ „schreeven Landschapje is voorgekoomen, heb ik denselven dan ook als sodanig onder den Naam en Eerentitul van Pange„ „rang Widjel bevestigd, en aan denzelven daar van het behoorlijk bewijs verleend, ik hebbe d' Eere Iuwe Hoog Edelheedens daar van zoo wel de verschuldigde kennis„ „se te Geeven, als hoogst deselve bij deesen Eerbiedig aan te presenteeren, de Actens van verband zoo wel van gem: Pangerang Widjil als de andere regenten, voor welkers acten van aanstelling ik almeede mijne dank betuijge„ De Afzending der alhier per het Jagt de twee gebroeders aangebragte Geschenken voor de koning van Sambas per de na Pontiana Gedestineerde pantjallang de Val„ „kenaar bereeds Gevolg Gehad hebbende, en daar van bij Gemeene missive van den 10: deeser aan uw Hoog Edelheedens de verpligte kennis Gegeeven sijnde nee„ „me ik de Vrijheid mij daar aan te refereeren, onder nedrige dankbetuijging zoo wel voor de soo gunstig Verleende permissie aan den Capitain der daagonders de Chasteauvieur tot het doen van een springtogtije naer Indiasch hoofdplaats als de aan desselvs Huijs„ „vrouw beneevens haare twee dochters verleende pas„ „sagie naar Neederland meteen der scheepen van de aanstaande retour bezending. De Militairen van het schip de zilvere Leeuw in„ „gevolge uw Hoog Edelheedens Qualificatie van dien Bodem Geligt en alhier aangehouden zijn„ „de, sullen deselve met het schip dat in dit Jaar de reijse naar Ternaten Staet te onderneemen der„ „waards verzenden, worden gelijk ook in voldoening uwer Hoog Edelheedens gevenereerde ordre bereeds te rug gereekend en Batavia ten lasten gebragt is de zoo daar als hier aangemaakte Geschenken voor de respective Javacshe Vorsten. Deoor de Bevordering van den Quartiermaester Jacob Grijsen tot onderstuurman, om als Gezaghebber op een den Gallowets te werden Geplaats, zegge ik dank terwijl als een Gevolg van uw Hoog Edelheedens besluijt om het geordonneerde Convooij naar Malacca te bij Samarang den 30:' September 174 pag. 129 Samarang den 30. September 1734 te Excuseeren wijl de Handelaars zelfs niet zeer Geinclineert zijn Hunne rheijse daar na te reguleeren, op Morgen van hier naar Malacca zullen reijsvorderen. 5: Barkentijns Laadende 800: Iavase Coijangs ruijm en naar Palembang Verscheidene klijndere vaartuijgen, meede neemende de bepaalde uijtvoer van 400: Coijangs Rijst, gaande dezelve alle zonder Convooij, dog agter zonder eenige de minste vreese of bedugting voor Ge„ „vaar van de kant der Riouwers, waar van men thans op Java niets verneemt, dan niet teegenstaende dit zijn Bij wel zeer Serieus Gerecommandeert om voor al Gestadig op hunne Hoede te zijn en Geduurende de rheijze zoo veel immers mogelijk Gecombineert te blijven, mitsgaders op Salembang ten naauwkeurigste naar den toestand der zaeken in straat Malacca te informeeren, ten eijnde zig naar de omstandigheeden en te bekoomene narigten te reguleeren, terwijl teffens van hier op ieder Malakse Barcq Geplaatst is een Eu„ „ropees Matroos die leezen en schrijven kan, om geduu„ „rende de rheijs van een en ander voorvallende zaaken aan„ „teekening te houden, en ook om teffens eenige seinen aan de vaartuijgen te kunnen doen, soo owel als om de voerders in Cas van eenige aanval bij een te hou„ „den en hun aantemoedigen. van de Ker Galowets zijn reeds twee voor Terna„ „ten ingereedheid Gebragt, en met de andere twee zal men meede alle mogelijke spoed maaken; om volkoo„ „men klaar te zijn teegen de komstes van het naer het Voorschreeven Gouvernement Gedestineerd schip den Tempel terwijl een van de hier bovengenoemder twee Genaemd den Arend bij deesen naar Indiasch Hoofd„ „plaats overvaart, soo wel ter Examinatie als ten bewijse van de Goede verwagting die men van soortgelijke Vaar„ „tuijgen in Expeditie voor Ternaten voeden mag, te geen ik verhoope dat door uw Hoog Edelheedens gun„ „stig zal werden Geapprobeert intusschen dat bij de pe„ „che van die kieltjes, de vereijschte zorge zal werden gedraagen, om deselve naar de intentie wer Hoog Edelheedens te monteeren, met 10. â 12. Europeesen te bemennen en met zoo veel Iavase zeevaaren„ „de te Voorzien, als Noodsaakelijk zal werden bevon„ „den soo als ik dan ook met Verlangen zalte Gemoed zien de door uwe Hoog Edelheedens Gepromit„ „teerde kier bekwaame stuurlieden om als Gezag„ „hebbers op die vaartuijgen te werden geplaatst, dog ik versoeke uw Hoog Edelheeden teffens Eerbie „dig dat voor die vier Galowets de nodige Stuua„ „mans Gereedschappens, koks en Cajuijts Goederen, of wat de gewoonelijke Verstrekkingen aan Stuurlieden op Pantjallangs vaarende meede brengt, spoedig naar ten.
English
Samarang the 30th of September 1744. Samarang the 30th of September 1784 page 131, may be sent hither, because one here is supplied with neither the one nor the other, just as little as with the requested in the requisition sent from here recently 200 pieces of iron ballast. for which reason one is at an extreme loss, as they must necessarily be used for the four galowets, since the same could not depart from here without them, wherefore I urgently press Your High Nobilities to be provided therewith soon, Because it is not well feasible to get a pantjallang ready for Amboina this year, instead of the pantjallang De Vriendschap that did not appear there, I respectfully take the liberty to humbly propose to Your High Nobilities that, instead of the pantjallang demanded by Your High Nobilities according to the model of the Beschermer or the Victorie, 67 feet long, 18 to 19 broad, and 8 deep, there be made to serve for dispatch thither the pantjallang De Spion belonging here at Samarang, 60 feet long, 17 broad, and 9 feet deep, carrying circa 30 lasts, having been solidly and strongly built at Rembang in 1782 and moreover a good sailer, which will certainly be to the particularly great satisfaction of the Ambon Ministry, while that vessel, built during the war, can well be spared on Java owing to the cessation of arms and apparent peace, all the more as one experiences greater effect from the newly invented galleys against the pirates; and if it should please Your High Nobilities to honor this my humble proposal with Your esteemed approbation, then this pantjallang De Spion could be renamed and called De Vriendschap, in which case I also request, just as with the galleys, a qualified steersman provided with everything necessary; as well as to be accommodated with a suit of new sails, which are not at hand or cannot be manufactured quickly enough here from the sailcloth needed for making the same, because the stock of sailcloth, even if the recently made further petition were to be fulfilled, will nevertheless not suffice, since the galleys will also need a great deal of cloth. For the permission granted by Your High Nobilities for making a short trip to Batavia, to the merchant and first warehouse master here Leliveld, and the granted passage to the Netherlands under payment of the usual transport and board money, to the children of the Sourabaya authority Barkey and Samarang's minister Montanus, the interested parties express their very respectful thanks to Your High Nobilities. On the petition submitted by the Captain of the Chinese and tax farmer here Ian Lecko, serving as an instance for a favorable recommendation to Your High Nobilities to obtain two months' remission of his tax farm, or else a prolongation of six months in the term of payment of the tax farm monies for the last four months, it was resolved in the session of the 20th of this month to refer the matter to Your High Nobilities, and meanwhile to grant him, the tax farmer, suspension of payment until Your further disposition; but because the reasons which he adduces for falling behind are fully known and contain a grounded truth, I take the liberty to urge Your High Nobilities' favorable disposition thereupon, however only in so far as concerns the last part of his petition for a prolongation in the term of payment, being of the opinion that such may well suffice, considering that the tax farmers are obliged to average the three-year term and balance the favorable against the unfavorable, which being done in this case, I deem that the tax farmers, if they have not profited, will at least have suffered no considerable damage during the period of three years past. With perfect high esteem, obedience, and respect, I have furthermore the honor to remain, underneath stood, Title, lower, Your High Nobilities' humble and faithful servant, was signed, J: Siberg, in the margin, Samarang the 30th of September 1784. Agrees. Pieter Beker Copy Separate Letters from The Lord Governor and Director of Java's Northeast Coast. To Their High Nobilities Batavia. For the Netherlands S No 27. At Samarang C Samarang the 24th of December 1785. Batavia. To His High Nobility. The High Noble, Right Honorable Lord, Mr. Willem Arnold Alting, Governor-General; The Right Noble Lords Councillors of the Dutch Indies, etc. etc. etc. High Noble, Right Honorable Lord, and Right Noble Lords. With respectful reference to my separate and secret letters sent from here successively to Your High Nobilities during this year, wherein I have treated all such points as required any haste; so I now proceed to the rescription of that which has remained unanswered until today, and which appears in the revered letters received by me from Your High Nobilities, both separate and secret, of the 29th of March, 6th Page 1.
Dutch transcription
Samarang den 30.:' September 1744. Samarang den 30: September 1734 pag:o 131, naar herwaards moogen worden Gezonden, dewijl men hier nog van het een nog van het ander voorsien is, eeven soo min als van de bij de Jongst van hier Gezondene Eijsch Gevraagde 200. stuks ijzere ballast. waarom men ten uijterste verleegen is, als tot de Vier Galowets noodsaakelijk moetende Gebruijkt wer„ „den alsoo deselve sonder dien niet van hier zoude kunnen vertreken, weshalven ik uuw Hoog Edel„ „heedens zeer insteere daar meede spoedig te mogen werden Voorzien, Dewijl het niet wel doenlijk is, om nog in dit Jaar een Pantjallang voor Amboina ingereedheid te brengen, insteede van de aldaar niet opgedaagde Pantjallang de vriendschap, soo neem ik Eerbiedigst de vrij„ „heid uw Hoog Edelheedens nedrig voor te daar„ „gen om insteede van de door Hoogstdezelve Gevorder„ „de Pantjallang naar het mal van de beschermes of de Victorie Lang 67: breed 18 â 19. en diep 8. voeten, ter versending naar derwaards te laaten dienen de alhier op Samarang 'thuijs Gehoorende Pantjal„ „lang De Spion Lang 60. breed 17. en diep 9. Voeten laadende Circa 30. Lasten, zijnde in 1782 - op Rembang hegt en sterk aangebauwd en daar bij een goede zeijlder, sullende seeker tot bij zonder veel Genoegen van het Ambons Minus„ „terium zijn, terwijl dat vaartuijg in den oor„ „log aangebouwd, mits den stilstand van Wape„ „nen ende apparente Vreede op Iava wel kan wer„ „den Gemust, te meer daar men meerder Effect onder Vind van de nieuw geinverteerde Galeijen teegens de zeerovers. en wanneer 't uw Hoog Edelheedens geliefden te behaagen dit mijn nedrig voorstel met hoogst derzelver geEerde approbatie te honoreeren dan zoude deese pantjallang De spion kunnen herdoopt en de Vriendschap Genaamt worden, in welk Geval ik even als bij de Galeijen almeede Versoeke om een bekwaeme stuurman met al het nodig Voorsien; soo meede om met een stel nieuwe zeijlen te werden gerieft, dan wel niet aanhanden of niet spoedig Genoeg te vervaardigen sijnde het daar toe benodigde zeijldoek tot het aan„ „maken van dien alhier, alsoo den voorraad van zeijl„ „doek ongeagt de Jongst Gedaane nadere petitie mogt Voldaan worden egter niet zal kunnen toereijken, wijl de Galeijen ook zeer veel doek sullen nodig voor de door Uuw Hoog Edelheedens Verleende permissie tot het doen van een springtogtje naar Batavia, aan den koopman en Eerste pakhuijs„ „meester alhier Leliveld en de Verleende Passagie hebben. tot naar ƒ Samarang Den 30: September a:o 1734 Samarang den 30: September d 174 ai: 133 naar Neederland onder betaaling van 't Gewoone Transport en kostgeld, aan de kinderen van den sou„ „rabaijas Gezaghebber Barkeij en Samarangs Proe„ „dikant Montanus, betuijgen de daar bij be„ „lang hebbende uw Hoog Edelheedens hunnen zeer Eerbiedigen dank. Op het door den Capitain der Chineezen en Pagter alhier Ian Lecko ingediend suppliecq, ten dee„ „rende instantie om eene gunstige voordragt aan Uw Hoog Edelheedens ter erlanging van twee maanden remiese zijner pagt, dan wel een prolongatie van ses maanden in het ter„ „mijn van betaaling der pagt penningen voor de laaste vier maanden is, ter sessie van den 20:e deeses beslooten; het Renvoij naar uw Hoog „en hem pagter, in tusschen Edelheedens „ tot hoogst derzelver nadere dispo„ „sitie te accordeeren., de surcheance van betaaling; dan dewijle de reedenen welke hij ter veragtering komt bij te brengen ten vollen bekend zijn en eene gegronde waarheid bevat„ „ten, soo neem ik de vrijheid daar op te instee „ren uw Hoog Edelheedens gunstige dispositie egter maar in soo verre als het laaste Lid zijner instan„ „tie tot prolongatie in het termeijn van betaaling be„ „treft, als in het gevoelen verseerende dat sulks wel kan sufficieeren, uit Aanmerking dat de pag„ „ters Verpligt zijn, om het drie Jaarig termijn, door den anderen te slaan, en het voordeelige teegen het nadeelige te balanceeren, het welk in dit Geval Geschiedende soo vermeene ik dat de pagters soo al niet geprofiteerd ten minsten geen aanmerkelijke schaade geduurende de tijd van drie Jaaren Geleeden zullen hebben. Het volmaakte hoogagting, schoorzaamheid en eerbied, heeve ik mij voorts d' Eere te blijven /:onder„ „stond:/ Titul /: Lager:/ Uuwer Hoog Edelhee„ „dens onderdanige en Getrouwe dienaar /:was geteekend:/ J: Siberq /:in margine:/ Samarang den 30. September 1784 Accordeert. Pieten Beker wel Copia Aparte Brieven van Den Heere Gouverneur en Directeur van Iavas= Noord-oost- Cust. Aan Hunne hoog Edelheedens Batavia.— Voor Neederland S No 27. Samarang Te C Samarang den 24„en December 1705. Batavia. Aan zijn Hoog Edelheid. Den Hoog Edel gestrenge, Groot Achtbare Heere, M:r Willem Arnola Atting, Gouverneur Generaal; De wel Edele gestrenge Heeren Raaden van Neederlandsch Indië, enz: en 3. en 3. Hoog Edele, Gestrenge, Groot Ahetbaren Heero„ en Wel Edele Gestrenge Heeren. Het Eerbiedig Refert, aan mijne geduurende dit Jaar, van hier successive afgezondene Aparte- en - se„ „creete: Brieven aan uw Hoog Edelheeden, waar by ik verhandeld hebbe, alle zoodaenige poincten als eenige haast kwaamen te vorderen; soo treede ik thans ter Res„ „cripboo van dat gunt 't welk tot op heeden nog onbe„ „antwoord is gebleeven, en te vooren komt bij uw HoogEdes„ „heeden, bij mij, ontvangene gevenereerde Brieven, soo Aparte als secreete van den 29:' Maart 6: Pagina 1. Edn
English
page 9. Samarang the 24th December 1785. Samarang the 24th December 1785. 6 and 13th May, item 29th August, 13th and 20th September, as well as 1st December last, to her. Initially under the main heading of Ships and vessels, there appears the permission granted by your High Noblenesses to the envoy of the prince of Riouw to provide himself here with a vessel and 30 lasts of rice. And as this could take place without prejudice to the Company, I have granted the said emissary the requisite authorization for this, who thereupon provided himself according to his desire with a vessel and 30 coyans of rice, with which he departed again from here back to Riouw on the 24th September last. Concerning the galley the Concordia returned from Malacca, nothing having been reported by the Ministry of Malacca that relates to any alterations that might be needed on that vessel; so one should, in my opinion, with good reason assume that this vessel, which according to what was noted in our general letter of 15 September last has already departed thither again, is fitted out as required. I have nevertheless, on the galley built on this coast after that date, caused such alterations and improvements to be carried out as nautical men deemed to be necessary to achieve that purpose for which the same are suited. With regard to the article of Products, I thank your High Noblenesses for the notification of your disposition to send two ships with a full cargo of sugar to Musquitte in the coming year. I have also consequently left nothing unattempted to provide the Honorable Company to that end with as much sugar from Java as was ever possible, so that during this year a considerable quantity of that sweetness has also been transported from here to Batavia, to the amount of 1124 12/50 picols, which I hope will be sufficient for the prescribed purpose and that your High Noblenesses will be pleased with these my efforts. I also dare to flatter myself that concerning the transport of rice from Java to the capital, the honored intention of your High Noblenesses and the orders given to me in that regard from time to time will have been satisfied in all respects; since from that grain from the new crop, namely since the first of August last, there has been exported from Java to the capital: 3783 coyans, on account of the Company, of which 2942 coyans with its own ships, and 841 on freight; and furthermore 1542 coyans by private individuals, over and above and not counting the permitted lasts of the ship's officers; or 5325 coyans together; as will further appear to your High Noblenesses Samarang the 24th December 1785. — Samarang the 24th December 1785. page 5. Noblenesses from the accompanying notes, which I have the honor to enclose herewith. It is beyond all doubt that one would not have found oneself in a position to cause such a considerable quantity of rice to be transported to the capital before the breaking through of the west monsoon, had one not proceeded, in accordance with the authorization granted by your High Noblenesses, to prohibit the export of rice to the opposite coast, the more so because this was even to some extent necessary due to the unfavorable outcome of the crop; so that in this entire year absolutely no rice was exported to the opposite coast, except only to Malacca and Palembang, and still some coyans the export of which your High Noblenesses had permitted to the emissaries of the princes of Riouw and Trengganu; against which I have encouraged the private traders as much as possible to transport rice on freight for the Honorable Company to the capital, in order to comply with the honored order of your High Noblenesses to send 4 to 500 coyans on freight to Batavia in addition to the rice that was to be transported with the Company's ships, which certainly would also have taken place, were it not that, contrary to all expectation, due to the exceptionally early onset of the west monsoon, three vessels laden with rice on freight for the capital have returned again from a fruitless voyage with 540 coyans; I decided upon this additional shipment on freight above the required 4 to 500 coyans all the sooner, since at the chartering of the vessels for that transport I had no knowledge yet of the disposition of your High Noblenesses to call at the office of Tagal to fetch a cargo of rice with the ship the Princes van Oranje, which vessel to my great regret has returned thither again from a fruitless voyage, so that this all has been noted in more detail with all its circumstances in our general letter now departing, to which I respectfully refer. Concerning the article of Domains, I take the liberty to thank your High Noblenesses for the favorable disposition which your High Noblenesses have been pleased to make, to grant the necessary authorization for the payment of 2 rixdollars at purchase to the farmers on every coyan of rice of the previous year's crop which was exported for the Company; noting at the same time that this payment to the farmers has taken place everywhere; the more so since this year, just as in the previous year, no rice was transported to the opposite coast again, except to Malacca and Palembang, of which the quantity however amounts to very little over the whole of Java, and thus the benefit that they enjoy from this gift.
Dutch transcription
pag„a 9. Samarang den 24: December 1785. Samarang den 24: December 1785. 6 en 13„e Meij, item 29: Augustus, 13. en 20:e September, mitsgaders 1„n december Jongstleeden, haar toe Aanvankelijk onder het Hoofd-deel van. Scheepen en vaarthuigen, te vooren komt de door uw Hoog„ „Edelheeden aan den gezant van den Riouws vorst verleen„ „de permissie om zig alhier Een vaarthuig en 30. Lasten rijst te voorzien. En dewijl dit buijten prejuditie van de Comp„e geschieden konde, soo hebbe ik den gemelde sendeling hier toe de verEijschte qualificatie verleend, die daarop sig na begeerte van Een vaarthuig en 30. Coijangs Rijst voor„ „sien heeft, waarmeede hij op den 24:e September Jongst„ „leeden, van hier weeder naar Riouw vertrokken is. Omtrent de van Malacca te rug gekeerde galewet de Concor„ „dia, door het Ministerre van Malacca net berigt zijnde, dat eenige betrekking heeft toe deese of geene ver„ „anderingen die aan dat vaarthuig mogten benoodigd zijn; soo soude omen mijns bedunkens met grond ver„ „onderstellen moeten, dat dit vaarthing, het welke vol„ „gens het genoteerde bij onse gemeene van den 15 Sep„ „tember J: L: reeds weeder naar derwaerds vertrokken is, ona ver Eijsch is ingerigt. In hebbe egter bij de na dato ter deezer Custe aangetimmerde salewet, zoodae„ „nige veranderingen en verbeeteringen doen in 't werk stellen, als zeekundige Lieden oordeelden noodzaekelijk te weezen, ter bereiking van dat binde als waartoe dezelve geschikt zijn. Met betrekking, tot het Artikul van Pro ducten, zegge ik uw Hoog Edelheeden dank, voor de ker„ „nis geeving van Hoogst derselver dispositien, om in den aan„ „staanden Jaare twee scheepen met een volle Laeding zuijker naar Husquitte te zenden, In hebbe ook in dien gevolge niets onbezogt gelaeten „n de EComp„e ten dien einde van zoo vel zuijker van Java te voorsien, als maar immers moogelijk was, invoegen er dan ook geduurende dit Jaar eene Aanzienelijke quantiteit van die soetigheid van hier naar Batavia is vervoerd, ten em„ „porte van 1124. 12/50. picols, welke ik hoope: dat tot het voor„ „schreevene einde, toerijkende zullen zijn en uw Hoog Edelheeden in deese mijne pogingen zullen genoegen neemen. Ik durve mij omeede flatteeren: dat Omtrent den vervoer van Rijst van Java naar de Hoofdplaets, in allen deelen aan de geEerde intentie uwer Hoog Edelheeden en de beveelen omij derweegens van tij tot tij gegeeven, zal weezen voldaan; aan„ „gezien dan dien korl uit het nieuw gewas, dan wel seedert primo Augustus Jals van Java, naar de Hoofdplaets is uitgevoert. 3783: Coijangs, voor reekening van de Compagnie, waar van 2942. . Coij„s met haar eigene scheepen, en 841. „ op vragt; en aan nog 1542. Cop„s door particuliere, buijten en ongereekende de gepermitteerde Lasten der scheeps Overheeden. of 5325. Coijangs te zaamen; soo als het een en ander uw Hoog: dezelve. „Edelheeden Samarang den 24„e December 1745. — Samarang den 24„' December 1788. pag„a 5. „Edelheeden nader zal koomen te blijken, uit de cnee„ „vensgaande notitien „ welke ik de eere hebbe deezen te doen versellen. Het is buijten alle twijffel, dat men sig niet in staat soude hebben bevonden, om soo eene aanzee„ „nelijke quantiteit Rijst nog voor het doorbrecken der West mousson, naar de Hoofdplaets te doen vervoeren, ingevalle men niet was overgegaan, om ingevolge van uw Hoog Edelheeden gelerde qualificatie den uitvoer van Rijst naar den overwal te verbieden, te meer daar zulks door het niet favorabel slaegen van het gewas, selvs al eeniger maete noodsaekelijk was; invoegen zo dan ook in dit geheele Jaar hoe genaamd geen Rijst naar den overwal is uijt„ „gevoert, dan Eenelijk naar Malacca, en Palembang, en nog eenige Coijange, welkers uitvoer uw Hoog Edelheeden aan de zendelingen der vorsten van Riouw en Trangano had„ „den gepermitteert; waar teegen ik den particulieren handelaer soo veel omoogelijk hebbe aangespoord, om sijst voor de E: Comp„e op vragt naar de Hoofdplaets te vervoeren, ten einde te vol„ „doen Aan uw Hoog Edelheeden gelerd bevel, om boven de rijs=t die met 'sComp„s scheepens stond vervoerd te worden, nog 4 â, 500. Coij„ op vragt naar Batavia te zenden, 't welk dan ook seekerlijk soude geschied zijn, waare het niet, dat teegens alle verwag„ „ting, door de buijten gemeen vroeg ingevalle westmous= „son, weeder drie vaarthuigen met Rijst op vragt voor de Hoofdplaets belaaden, met 540. Coijange van gene vruijteloose Rhijze waaren te rug gekoomen; Ik hebbe tot deese meer„ „dere verzending op vragt boven de geEijskhte 4. ân, 500 Coij. s dies te Eerder beslooten, aangezien ik bij het afhuuren der vaarthuijgen tot dies transport nog geene kennisse had van uw Hoog Edelheeden dispositie, om naar het Comptoir Tagal ter afhaas van een Laeding rijst aanteleggen het schip de painces van Orangen en welke woodem tot mijn overgroot„ Leetweeren van een vrugteloose reijse aldaar weeder te rug ge„ „koomen is, invoegen dit een en ander nader met alle zijne omstandigheeden aangeteekend is bij onse thans af„ „gaande gemeene sorieff, waar aan ik mij in Eerbied refereere. Het Articul van Domijnen, Converneerende, nieme ik de vrijheid uw Hoog Edelheeden dank te zeggen voor de gunstige dispostie welke uw Hoog Edelheeden wel hebben gelieven te neemen, om de noodige qualificatie te verleenen, ter afgaeve van 2. rd„s aan inkoop de pagters op ieder Coijang Rijst over „ duit het voor Iaarig gewas welke voor de Comp„e uitgevoerd is; onder notitie teffens dat die betaeling aan de pagters alomme heeft plaats gehad; te meer in dit eeven als in den voorgaan„ „den Iaare weeder geen Rijst naar den overwal is ver„ „voert uitgenoomen naar Malacca en palembang, waar van de quantiteit egter maar seer weing over geheel Iava bedraagd, en dus het voordees dat zij van deese gifte rheijke:— genieten.
English
page 7. Samarang the 24th December 1785. — Samarang the 24th December 1785. enjoy, but very slight and by no means noteworthy in comparison with what they would otherwise profit from an unimpeded transport of rice to the Outer Coast, which now for two years has not enjoyed the least rice from Java. Concerning arrears of the Regents of Batang, Paccalongang, and Wieradessan, I find myself obliged to thank Your High Nobilities for the favorable disposition to grant the requested extension regarding the delivery of the mandatory rice contingents to the said Regents; while I at the same time dare assure Your High Nobilities: that these Regents have by no means made themselves guilty of any neglect of duty, but that their inability to meet their obligation is solely to be attributed to the poor crop that has taken place in their districts for some years; I therefore also request that Your High Nobilities may please be assured: that not the least abuse is or will be made of the extension that Your High Nobilities have been pleased to grant; on the contrary, I now have the pleasure to be able to report to Your High Nobilities, that the collective Regents belonging under the Paccalongang office, favored this year with a more abundant rice crop, have made every effort and diligence to deliver as much rice toward their contingents of this and the arrears of the past year as has been in their power. - With respect to Carpentry and Fortifications, I have the honor to bring hereby to Your High Nobilities' notice: that at Soura Carta they are heavily engaged in the construction of the lodge there; and I hope that the same will be completed in the coming year, and built so firmly and strongly: that the Honorable Company will have the benefit thereof for many years without any further repair, to which end I have also recommended to Chief Palm at the very start to take care: that all possible attention be employed in that regard, I meanwhile express to Your High Nobilities, with reference to the article of Demands and necessities, also most humble thanks for the needed goods which Your High Nobilities have been pleased to send hither with the ship 't Buijten Leeven, and I also take the liberty to urge that Your High Nobilities please cast a favorable reflection on our general demand now being dispatched for the upcoming year 1786: which has been arranged with all possible prudence and a thrifty design, while I meanwhile also thank Your High Nobilities for the dispatch of 2 pieces of mortars, and I request Your High Nobilities that, upon a further shipment from Europe, we may be directly accommodated with the promised two others. and. The page 9: Samarang the 24th December 1785. Samarang the 24th December 1785.. and to also observe regarding its construction the utmost frugality and management, in order to save all unnecessary expenditures: While after the completion of that work I will have an accurate inspection made by knowledgeable specially appointed commissioners, whether this building has been constructed in all parts according to the order and firmly and strongly; meanwhile I have made the contractor guarantee for one year and six weeks the soundness and good arrangement of this building, in order to prevent thereby all sloppiness, inattention, and neglect which appears to have taken place during the construction of the previous fort; while at the same time, after everything has reached its conclusion, I shall take the liberty to provide Your High Nobilities with an exact statement of the costs which the Company comes to bear through this repair and renewal, in proportion to the wrong and bad construction that previously took place, and for how much each of the estates of Senior Merchant van Pstralendorff and Engineer Suistman should rightfully participate therein, regarding which I shall however take into consideration that which, through the enlargement or improvement of the buildings, ought to be deducted therefrom. Meanwhile I have ordered the Orphan Chamber here to hold a specific sum in safe keeping from the aforementioned estates under its administration, until Your High Nobilities will have pleased to decide on the principal regarding the compensation of the aforesaid costs. I meanwhile also express my most humble thanks to Your High Nobilities for the granted authorization for the construction of a new Resident's house at Japara, which building I have the pleasure to report: will be entirely completed within a few months; at which time I, pursuant to the granted permission of Your High Nobilities, will relinquish the same to the Resident for dwelling against the payment to the Company of 10 percent per year of the cost, in rent, and provided he binds himself to properly maintain the same. Meanwhile I also dare assure Your High Nobilities: that regarding the construction, the recommendations made by Your High Nobilities have been met in all respects, and all ostentation in exterior appearances has been omitted, as the construction has taken place according to the plan that I had the honor to offer to Your High Nobilities, and thereby all occasion for further splendor has been removed, whereby the costs will therefore amount to only a little more than the initially calculated amount of 6089 rixdollars 43 stuivers 8 penningen. In like manner I express in this place my obligation for the authorization granted by Your High Nobilities for the relocation of the stable and the carriage house
Dutch transcription
pag„a 7. Samarang den 24„' December 1785. — Samarang den 24:' December 1785. genieten, maar seer gering en geensints noemens waerdig il in vergelijk van 't geene zij anders soude profiteeren, bij een onverhinderde vervoer van Rijst naar den Overwal, die nu seedert twee Jaaren geen de minste rijst van Java, genooten heeft. Agterstallen der Regenten van Batang, Paccalongang en wierader jan„ betreffende, vindo ik omij verpligt uw Hoog Edelheeden te moeten dankzegger voor de gunstige dispositie, om het verzogte uit„ „stel, omtrent de Leeverantie der verpligte Rijst Contingenten„ aan de gemelde Regenten te Accorderen; terwijl ik uw HoogE„ Aelheeden teffens duwe verseekeren: dat zig deese Regenten geen„ „zints aan eenig pligt verzuijm hebbe schuldig gemaakt, maar dat hun onvermoogen om aan hunne verpligting te voldoen, relel is toeteschrijven aan het schraele gewas dat seedert eenige Iaaren in hunne districten heeft plaats gehad; Ik versoeke ook dierhalven dat uw Hoog Edelheeden sig gelieven verseekert te houden: dat 'er geen 't minste misbruijk werd dan wel sal werden gemaakt van het rutstel dat uw Hoog Edelheeden heb„ „ben gelieven te verkeenen; In teegendeel hebbe ik thans het ge„ „noegen uw Hoog Edelheeden te moogen melden, dat de gezae„ „mentlijke Regenten onder het Comptoir paccalongang gehoo„ „rende, in dit Jaar met een ruijmer rijstgewas gereegent, alle iever en vlijl in 't werk gesteld hebben, oms zoo veel rijst op hunne Contingenten van dit in de agterstallen van den gepasser„ „den Jaar, te Leeveren, als in hun vermoogen is geweest. - Ten opzigte van Timmeragien en Fortificatien, hebbe ik de Eere uw Hoog Edelheeden mits deezen ter kennisse te brengen: dat men te soura Carta sterk beezig is aan den op„ „bouw van de Logie aldaar; en ik hoope dat deselve in den aanstaanden Jaare voltooijd, en zoo hegt en sterk getimmerd zal zijn: dat de E Comp„e lange Jaaren daarvan, zonder eenige verdere Reparatie, ot zal „ hebben, ten wel„ „ken einde ik ook aan het opperhoofd palm op het sere„ „luste hebbe aanbevoolen, om te zorgen: dat 'er daar om„ „trent alle moogelijke Attentie werde in 't werk gesteld, Ik zegge uuw Hoog Edelheeden intusschen ommet betrekking, tot het artikul van Eijsschen en benoodigeheeden, ook nedrigst dank, voor de be„ „noodigde Goederen, welke uw Hoog Edelheeden, met 't schip 't buijten Leeven herwaards hebben gelieven te zenden, en ik pieme teffens de vrijheid te insteeren dat uw Hoog Edelheeden eene gunstige reffexie gelieven te slaan op onsen thans af„ „gaanden Generaalen Eisch, voor den aanstaanden Iaare 1706: welke met alle mooijelijke onsigtigheid en een suing opleg is ingerigt, terwijl ik uw Hoog Edelheeden intusschen ock dank„ „zegge voor de toezending van 2. p„s Mortieren, en ik verzoeke uw Hoog Edelheeden, om bij een naderen Aanbreng ut Euro„ „pa, met de toegezegde twee andere direct te moogen werden gerieft. en. De pag„a 9: Samarang den 24„' December 1785. Samarang den 24„en December 1785.. en omen ook omtrent diens opbouw, de oluterste Zuij„ „nigheid en menagio, ter bespaaring van alle, onnoodije uitgiften, behartigd: Terwijl ik na voltooijing van dien Arbeid door des kundige Expresse gecommitteerdens een nauwkeurige opneem zal laaten doen, of dit gebouw ook in allen deelen nna de ordre en hegt en sterk opgetimmerd is; intusschen dat ik den aanneemen hebben doen instaan Een Iaar en ses weeken voor de deugdsaamheid in de goede schikking van dit gebouw, ten einde, daar door voor tekoo„ „men alle slordigheid, on agtsaamheid en verzuijm, welke bij den opbouw van het voorige fort scheint plaats. gehad te hebben; terwijl ik teffens na dat het een en ander zijn beslag zal hebben erlangt, de vrijheid zal neemen uw Hoog Edelheeden Een Exricte opgave te doen van de onkos„ „ten die door deese reparatie en vernieuwing de de Comp„e komt te draegen, ona maete van de verkeerde en slegte Constructie, die bevoorens heeft plaets gehad, en voor hoe veel ieder den Boedels van den opperkoopman van stralen„ „dorff en den Jngenieur suistman daar inne met regt souden moeten participeeren, waar omtrent ik egter zal in Consideratie neemen, het geene door de vergrooting dan wel verbeetering der gebouwen, daar van diende te werden afgetrokken. Intusschen hebbe ik het Collegie van wees. „meesteren alhier, gelast, om uit de voorschreeven onder haare Administratie staande Boedels, eene bepaalde somma, in bewaarder hand te houden, tot dat uw Hoog Edel„ „heeden omtrent de vergoedingen, der voormelde Onkosten, ten principaalen zal hebben gelieven te disponeeren. Ik zegge uw Hoog Edelheeden intusschen ook needrigst dank„ voor de verleende Qualificatie ter opbouwing van Een nieuw Residents wooning te Japara, welk gebouw ik het genoegen hebbe te melden: dat binnen weinige maanden ten Eenemaele zal voltooijd weezen; als wanneer ik dezelve ingevolge de ver„ „liende permissie uwer Hoog Edelheeden aan den Resident ter bewooning zal afstaan teegens de betaaling aan de Comp„e van 10. p=rC: s Jaare, voor het kostende, aan huur en mits zig verbindende dezelve behoorlijk te onderhouden. Intusschen durve ik uw Hoog Edelheeden, ook verseekeren: dat omtrent den opbouw in allen opzigten aan de bij uw Hoog Edelheeden gedaane Recommandatien voldaan in alle opragt in uijter„ „lijkheeden Agterweege gelaaten zijn, alzoo den opbouw ge„ „schied zijnde ona het plan dat ik de Eere had uw Hoog Edelheeden aantebieden, en daardoor alle Occagie tot meer„ „dere pragt is uit den weg geruimt, waar door dan ook de onkosten, maar Een weinig meer dan het in den be„ „ginne gecalculeerde Moutant van rd„s 6089: 43: 8., zullen koomen te bedraegen. Ingelijker voegen betuige ik ter deeder plaetse mijne Verpligting, voor de door Uw Hoog Edelheeden verleende Qualificatie ter verplaetsing van de stat in het waegen„ „huijs
English
Samarang the 24th December 1785. Samarang the 24th December 1785. house of the Resident at Joana; and I have the honour to note: that for this, upon the transfer of the residency of Joana from the former resident Keijzer to the newly appointed Gaaswijk, according to the account drawn up, rds 1100: — have been reimbursed to the Honourable Company, while the Honourable Company will furthermore bear no further burden from it in the future. Yet although I also have sufficient reason to have to complain that I was placed under the necessity of having to confer with Your Right Honourables about the defects and flaws that occurred at the fort at Joana, I nevertheless find myself unable to enter into a deeper investigation into this, which owing to the length of time could only be obscure and imperfect; on which account I shall now content myself merely with noting here: that this is to be imputed to the previous engineers, since they, acting according to the caprices of certain Residents, already frequently changed their projects beforehand, which was also particularly the case regarding the construction of the fort at Ioana, where more heed seems to have been paid to the grand architectural style and noble erection of the Resident's dwelling than to the sound condition and good state of the fort; whereby consequently, in order to satisfy the former, the latter was rendered useless. In the meantime, I offer Your Right Honourables my most humble thanks for granting the qualification for the relocation and renewal of the said fort. While I can assure Your Right Honourables that the said construction will proceed only with all attention and prudence, in order to make this fort acquire the required strength and solidity, and thereby to achieve the end for which it is intended. Regarding the native affairs, I have the honour to be permitted to report to Your Right Honourables the particular pleasure of the Keijser and the sulthan, which they took in the elephants sent to them by Your Right Honourables; for which they express to Your Right Honourables their obliged thanks: And although the hind leg of one of those animals for the sulthan appeared very deteriorated and painful, the same was nevertheless, after the passage of a short time, fully recovered again here. In the meantime, I have not yet conferred further with the sulthan about the batteries constructed by him around his Craton, nor made any further mention regarding that; the more so because that is a matter which one can view in some measure with an indifferent eye, since it seems to have taken its origin more from the usual stubbornness of that old prince than from any other causes. While I also endeavour to keep the matter of the construction of the proposed small forts along the road to djokjo Carta slowly alive; concerning which I shall have the honour in the coming year, for the further elucidation of Your Right Honourables, to provide an accurate and exact report of the best and most suitable places where those forts could be built with the greatest advantage, since the engineer Pelon, owing to many other engagements in this year, did not have sufficient opportunity to carry all this out with the required accuracy. It serves, in the meantime, as a particular satisfaction to me that Your Right Honourables were pleased to take satisfaction in my shared considerations as to how, if necessary, one could in the best possible manner make an enemy clear the Craton of the said prince. While I, to prevent all suspicion on the part of the sulthan, had the measuring of his Caraton carried out by four of the most capable pupils of the Marine School here, of which I have the honour to present the drawing to Your Right Honourables alongside this. The sulthan showed not the slightest sign of suspicion over this measuring of his Craton; on the contrary, it seemed that this provided some food for his pride; seeing that while the pupils were still busy with the measuring, he gave such orders as could serve to facilitate the plan, which Your Right Honourables will find, upon close observation, to be of a greater extent than the sulthan can defend with his artillery; the more so because the bastions, owing to their great distance, cannot be commanded by the cannon, which for the most part is not heavy enough: to this is also added that in case of need, one would find oneself very embarrassed with the further ammunition, as there is a great lack of cannonballs and the further artillery is very defective. Matters are very peacefully situated with the further native affairs, and one now enjoys everywhere on Java an undisturbed peace and quiet, which I hope may be constant and of long duration; while I may in the meantime have the pleasure of reporting to Your Right Honourables that the panumbahan of Madura has been dissuaded by me in a convincing manner from his pretensions to the Regency of Sumanap. Furthermore, I offer Your Right Honourables my most humble thanks for sending the translated letters of the Balinese king Gustij karang Assang and the reply of Your Right Honourables attached thereto; with the notification that this prince now his what.
Dutch transcription
Samarang den 24„' December 1785. Samarang den 24: December 1785. . „huijs van den Resident te Joana; en ik hebbe de eera te nottieren: dat daar voor bij het transport der residen„ „tie Joana, van den geweezene resident Keijzer aan den Nieuw daartoe aangestelden Gaaswijk, volgens de gemaakte Reekening rd„s 1100: —. Aan de E: Comp„e zijn Gerestitueert, terwijl de E Comp„e teffens voor het vervolg geen Last meer daarvan zal hebben te draegen. Dan ofschoon ik ook genoegzaeme reedenen hebbe mij te moeten beklaegen, dat ik in de noodsaekelijkheid ben gebragt geweest uw Hoog Edelheeden te moeten onderhouden over de defecten en gebreeken die aan het fort te Joana hebben plaats gehad, soo winde ik mij Egter niet in staat daar omtrent in een dieper onderzoek te treeden, dat door de Lengte des tijds niet dan duister en onvolkoomen soude kun„ „nen zijn; weshalven ik mij als nu vergenoegen zal met alhier eenelijk aantemerken: dat dit de voorige Ingenieurs te Imputeeren is, aangezien dezelve na de Caprices van sommige Residenten te werk gaande, hunne projecten bevoorens, al dikwils veranderen, 't geene dan ook bisonder omtrent den opbouw van het fort te Ioana heeft plaets gehad, daar men meer Agt scheint gevlaegen te hebben, op de grootsche bouw order en udele opragt van des Residents wooning, dan op de wel gesteldheid en goeden toestant van het fort; Waar door dus, om aan het Eerste te voldoen, het lueste Onnut wierd gemaakt. Intusschen zegge ik uw HoogEdel„ „heeden oneedrigst dank voor de verleende Qualificatie tot de verplaetsing en vernieuwing van het gemelde Cert„ Terwijl ik uw Hoog Edelheeden verseekeren kan, dat men met dien opbouw niet dan met alle attentie en voor„ „zigtigheid zal te werk gaan, ten einde dit fort de ver„ Eijschte sterkte en vastigheid te doen verkrijgen, en daarmeede te kunnen bereiken, ten eindens waartoe hetselve geslhekt is. Omtrent de Inlandsche zaeken, hebbe ik de eere uw Hoog Edelheeden te moogen melden het bizondere genoegen van den Keijser en den sulthan, 't welk zij genoomen hebben in de hun door uw Hoog Edelheeden toegezondene Eliphanten; waar voor zij uw Hoog Edelheden n verpligten dank betuigen: En ofschoon de agterpoot van het eene dier dieren voor den sulthan seer verslimmert en pijnelijk dutzag; soo is de„ „selve egter ona verloop van weinige tijd, alhier weeden ten eene maale hersteld. Ik hebbe den sulthan intusschen voor als nog niet nader onderhouden, over de bij hem aangelegde Batterijen ronds „omme zijn Craton, nog eenig verder gewagd dien aangaan„ „de gemaakt; te meer daar zulks een zaak is, die men eeniger moete met een onverschillig dog kan aanmer„ „ken, daar die meer zijnen Oorsprong scheint genoomen waar 9 te. pag„a 13. — Samarang den 24„ December A:o 1785. Samarang den 24„e december 1785. —. te hebben uit de gewoone Eigenzinnigheid van dien ouden Vorst, dan uijt eenige andere oorzaeken. Terwijl ik mij teffens berievere om de zaak van den opbouw der voorge„ „slaegene fortjee langs den weg naar djokjo Carta, langsaam Leevendig te houden; waar omtrent ik in den aanstaanden Jaare de eere zal hebben, ter verdere Illucidatie uwer Hoog Edelheeden, Een Nauwkeurig en Exact verslag te doen van de beste en bekwaamste plaetsen waar die forten, met het meeste voordeel souden kunnen werden opgebouwt, aangezien de Ingenieur Pelon, wegens veele andere beezigheeden in dit Iaar geene genoegsaeme geleegentheid heeft gehad om dit alles met de ver Eijschte Accuratesse ter uitvoer te bren„ Het strekt mij intusschen tot eene bizondere satisfactie dat uw Hoog Edelheeden wel hebben gelieven genoegen te neemen in mijne bedeelde Consideratien, hoedaenig man des: noods op de best moogelijke wijze, Een vijand de Craton van den gedagten vorst konde doen ruijmen. terwijl ik, ter voorkooming van allen agterdagt van 's Cuilthans zijde, de afmeeting van zijnen Caraton hebbe laeten verrigten, door vier der bekwaamste scholieren van het Harineschool alhier, waar van ik de aftee„ „kening de eere hebbe uw Hoog Edelheeden neevens deese aantebieden. Den sulthan heeft over deese afmeeting van zijnen Craton geen de minste blijken van Agterdtogt gegeeven, in teegen deel scheen het, dat sulx veel een eenig voedoel voor „gen. —. zijnen hoogmoed verschafte; gemerkt hij geduurende de scholieren nog met de afmeeting beesig waaren, soodaanige ordres heeft gesteld, als dienen konden tot faciliteering van het plan„ 't geene uw Hoog Edel„ „heeden bij eene nauwkeurige betragting bevinden zullen van een grooteren onslag te zijn, dan den seltha„ met zijn geschut verdeffendieren kan; te meer daar de Bolwekken, door hunne verre distantie niet kunnen werden gecommandeert door het Canon, dat voor het meeren„ „gedeelte, niet swaar genoeg is: ook komt daar nog bij dat men in Cas van nood, sig met de verdere Ammu„ „nitie seer verleegen: soude vinden, daar ir aan kogels groot gebrek en de verdere Arthillerij seer defect is. Het is met de verdere Inlandsche zacken seer vreedig gesteld, en omen geniet thans op Java alomme Eene Ongestoorde rust en vreede, die ik hoope dat bestendig en van eene lange duursaamheid mag zijn; Terwijl ik intusschen het genoegen mag hebben uw Hoog Edelheeden te melden; dat den panumbahan van Madura, door mij op eene overtuigende wijze van zijne proetenties op het Regentschap van Sumanap, is gediverteert geworden. Voorts zegge ik uw Hoog Edelheeden needrigst dank voor de toesending der Translaat brieven van den walijs kooning Gustij karang Assang en het daar bij gevoegde antwoord Uwer Hoog Edelheeden; onder potitie dat deese vorst, thans zynen wat. .
English
Page 15 Samarang the 24th of December 1785. Samarang the 24th of December 1785. placing somewhat more trust in the goodwill of the Honorable Company, through several letters, both to the Commander in the Oosthoek and to the Banjoewangies Commandant Keijzel, he attempts to give all tokens of goodwill and friendship, notwithstanding that one still remains on one's guard and keeps a watchful eye fixed upon his actions. I do not doubt in the least that Your High Mightinesses will have learned from my letter of the 10th instant of the departure of the coaster De Patriot together with the other vessels for Banjermassing on the 1st instant. I hope that this, as well as my transactions concerning the affairs of that office, may have met with Your High Mightinesses' satisfaction, and that it may further be regarded as well done: that yesterday, with a private vessel, I dispatched thither the letter for the Sultan of Banjermassang, which was accompanied by the secret letter received from Your High Mightinesses after that date, seeing that the same, even if it were to fall into the wrong hands, can be of no consequence. I have nevertheless found myself obliged to proceed more circumspectly with my writing to the Residents; wherefore I have also not written verbatim to the Residents the authorization granted by Your High Mightinesses to assist the Sultan according to the opportunity of time and affairs; the more so as such had already been done beforehand very detailedly, clearly, and plain by order of Your High Mightinesses in my separate letter to the Residents together with a private letter to the First Resident of the 7th instant, besides a verbal information and instruction to the Military Captain Hoffman departing thither; but I have referred to all these given reports and prior orders and considered them as fully inserted in my letter accompanying this in copy; at the same time with authorization to the Residents to act accordingly; whilst I have likewise arranged my answer to the Sultan of Banjer according to the instruction of Your High Mightinesses; which all I hope may also meet with Your High Mightinesses' approval. Meanwhile I heartily hope and wish that the Residents, now that they, along with a reasonable assistance, have also obtained a sufficient authorization, will possess enough courage, tact, and resolution to make use thereof to the greatest benefit of the Company and to bring these unpleasant Banjer disturbances to a good end. Meanwhile I must to my regret inform Your High Mightinesses that the sloop chartered at Sourabaija for the transport of the goods for the small vessel De Cornelia Adriana stationed at Banjermassing, Residents Page 17. Samarang the 24th of December in the year 1785. Samarang the 24th of December 1785. Samarang. Sourabaija. Grissee. Japara. Summary. with Company ships coyangs 2942. -. Samarang the 24th of December 1785. was signed: J: Siberg. fine white table rice forwarded to the High Government. Paccalongang. fully loaded, was driven ashore there in the severe storm of the 5th instant, without any possibility of being brought afloat again and undertaking the voyage thither; wherefore Commander Barkeij then on the 12th thereafter resolved to unload and transship the goods already loaded therein into another vessel belonging to himself, which, manned with 5 European and some Javanese sailors, shall now serve to transport the aforementioned goods to Banjermassing, as soon as the weather remains in any way manageable and it does not become too late to reach the point of Lassum, from where, now that the west monsoon has already advanced so far, they must cross over to Banjermassing in order to be able to accomplish the voyage without fear of failure. Meanwhile, with reference to the article of servants, I also most humbly express my gratitude to Your High Mightinesses: that it has pleased Your High Mightinesses to grant the request made by me to let the Military Lieutenant Carel Albert Christiaan van Bose serve on Java. For the rest I have the honor to remain with true high esteem and respect /was written below:/ title /lower:/ Your High Mightinesses' humble and obedient servant /was signed:/ J. Siberg, /in the margin:/ Samarang the 24th of December 1785. Tagal Coyangs 1092. 2691. 1783. Statement showing the rice which from the 1st of August last until today from the Honorable East Coast, on the Company's behalf, has been transported with ships and on freight; Namely: Purchase over contract: together. Coyangs 30. 320. 350. - . 200. 200. 400. - - 28. —. 28. - 50. 329. 379. - - - 193. 232. 425. - - - - 500. 860. 1360. on freight. . . . . . 20. 50. 70. . . . . . 71. 160. 231. on freight - - - - - —. 80. 80. on freight - - - - - - —. 400. 400. . . —. 60. 60. carried forward. carried forward and on Paccalongang. Joana. Tagal on freight - - - - - 841. —.
Dutch transcription
pag„s 15 Samarang den 24: December 1785. Samarang den 24:' December 1785. — wat meerder vertrouwen in de welmeenendheid der E: Comp„e stellende, bij verscheidene brieven, soo aan den gezaghebber in den Oosthoek als aan den Banjoewan„ „gies Commandant Keijzel, alle blijken van welmeenens„ „heid en vriendschap tragt te geeven, ongeagt men nog steeds op zijne hoede blijft en een waakpaam dog op desselvs bedrijven gevestigd houd. Ik twijffele geenzints off uw Hoog Edelheeden zullen uit omijn schrijvens van den 10„e deezer bevogt hebben, het vertrek van den Coster de patriot neevens de andere vaarthuigen na Banjermassing op den 1„e deezer. Ik hoope dat dit, soo meede omijne verrigtingen omtrent de zaeken van dat Comp„ „toir uw Hoog Edelheeden genoegen zal hebben moogen weg„ „draegen, en dat voorto als welgedaan mag werden aange„ „merkt: dat ik de neevens uw Hoog Edelheeden na dato ont„ „vangen secreet schrijvensen verzeld: gaande Brieff voor den sulthan van Banjermassang, op sisteren met Een particulier vaarthuig, na derwaerds afgezonden hebbe, aangezien de„ „zelve ofschoon hij ook al eens in verkeerde handen kwam te vervallen, van geene Consequentie kan zijn. Ik hebbe mij egter genoodsaakt gevonden met mijn schrijvens Aan de Residentien omzigtiger te moeten handeleen; als waar omme ik dan ook de door uw Hoog Edelhee„ „den verleende qualificatie, om den sulthan na geleegent„ „heid van tijd en zaeken te adsisteeren, niet woordelijk de Re„ „sidenten aangeschreeven hebbe; te omeer daar sulx op or„ „dre uwer Hoog Edelheeden bevoorens reeds sier Omstan„ „dig duidelijk en klaar geahied was bij mijn Apart shaij„ „vens aan de Residenten mitsgaders Een particuliere brieff Aan den Eersten Resident van den 7=e deezer, uitgenoomen nog eene mondelinge Jnformatie en Instructie aan den na derwaerds vertrekkende Capitain Militair Hoffman, maar ik hebbe mij aan alle deese gegeevene berigten, en be„ „voorens gedaane Aanschrijvens: gerefereert en zulkx gehou„ „den als volkoomen bij mijnen Brieff deese in Copia ver„ „sellende, geinsereert; met qualificatie teffens aan de Residenten, om daarna te werk te gaan. terwijl ik tef„ „fens mijn antwoord aan den sulthan van Banjer ona het voorschrift van uw Hoog Edelheeden hebbe Ingerigt; welk sen en ander ik hoope dat meede uw Hoog Edelheeden goedkeuring zal moogen wegdraegen. Intusschen dat ik hartelijk hoope en wensche dat de Residenten, nu sij bij eene tamelijke Adsistentie, teffens Een toereikende qualificatie hebben erlangd, moed, beleed en Cordaatheis genoeg zullen be„ „zitten, om daarvan ten meesten nutte van de Comp„e gebruik te moeken en deese onaangenaame Banjersche onlusten tot een goed einde te brengen. Intusschens moet ik uw HoogEdel„ „heeden tot mijn Leedweesen mitsen, dat de op sourabaija in gehuurde Chialoup tot transport der Goederen voor het zig te Banjermassing bevindende scheepje de Cornelia Adriana, „sidenten Pag„a 17. Samarang den 24:en December Ao 1735. —: rang den 24:e December 1715. — Samarang. Sourabaija. Grissee apara. Iamentrekking. met sComp„s cheepen Coij 2942. -. Smarang den 24. december 1785. was geteekent:/ I: Siberg. e witte tafel Rijst tot Hooge Regeering ver„ Teld. Paccalongang. in den fellen storm van den 5:' deezer vollaeden aldaar op strand geslaegen is, sonder moogelijkheid om weeder vlot te kunnen werden gebragt en de Reijse naar dero„ „waerds aanteneemen, als Waaromme dan ook den gezag„ „hebben Barkeij op den 12. daar aan, geresolveert heeft tot de Ontlossing en weeder Overscheeping der reeds daar inne gelaedene goederen in Een ander vaarthang, hem zelve toebe„ „hoorende, 't welk bemand met 5. Europeese en Eenige Javaen„ „sche zeevaarende als nu dienen zal, tot transport van leven„ „gemelde goederen naar Banjermassing, zoo ras het weer maar Eenigsints handjaans blijft en het niet te laat werd, om de hoek van Lassum te bereijken, van waar sij, nu de west mouc„ „sonr reeds soo verre ingeschooten is, na Blinjerin assing moeten Oversteeken, om sonder vreese voor mislukking de reijze te kun„ „nen gewinnen. - Terwijl ik uw Hoog Edelheeden intusschen. miet betrekking tot het Artikul van Dienaeren ook needrigst dankzegge: dat het uw Hoog„ „Edelheeden heeft gelieven te behaegen den Luitenant mili„ „tair Carel Albert Christiaan van Bose, op mijn daartoe gedaane verzoek op Java te laaten dienst doen. — Jk verEere mij overigens met waare hoog agting en ber„ „bied te blijven /:onderstond:/ tetul /:lager:/ uw Hoog Edelheeden, on„ „aerdaenige en gehoorzaemen dienaer /:was geteekent:/ J. Sibergq, /:in margine:/ Samarang den 24„e december 1705. — Tagas Coijange 1092. 2691. 1783. que Aanthooning van de Rijxt, welke imo Augustus Jongstleeden, tot heeden van Ed. oost. kust, sComp„s weegen, soo met scheepen gt vervoert is; Namentlijk. -. over gecon„ te Inkoop „tract: zaemen. Corj„s 30. 320. 350. - . „ 200. 200. 400. - - „ 28 —. 28. - „ 50. 329. 379. - - - „ 193. 232. 425. - - - - „ 500. 860. 1360. op vragt. . . . . . „ 20. 50. 70. „. . . . . „ 71: 160. 231. re op vragt - - - - - „ —. 80. 80. op vragt - - - - - - „ —. 400. 400. . . „ —. 60. 60. verte. 6 verte en op paccalongang. ƒ Joana. Tagal .. . op wagt - - - - - „ 841. —. : - . ƒ -
English
Page 17 Samarang the 24th of December 1785. in the fierce storm of the 5th of this month was driven onto the beach, without the possibility of being refloated and resuming the voyage [illegible]wards, on account of which the Barkeij on the 12th thereafter resolved to unload and transship the laden goods into another vessel, which, manned by 5 European [illegible] sailors, will now serve to transport the said goods to Banjermassing, provided the weather remains at all favorable and it is not impossible to reach the corner of Lassum, from where, as the monsoon is already so far advanced, they can cross over to Banjermassing in order to gain the [illegible] without fear of failure. While I also most humbly thank Your High Noblenesses with regard to the article of servants that it has pleased Your High Noblenesses to allow the secretary Carel Albert Christiaan van Bose, upon his request, to remain in service on Java. I have the honor otherwise to remain with true high respect, [below stood] title [lower] your most humble and obedient servant [was signed] [in the margin] Samarang the 24th of December 1785. Copy of the specific statement of the rice which, since the first of August last until today, has been transported from Java's Northeast Coast on the Company's behalf, both by ships and on freight, namely: Purchased | Under Contract | Total From Samarang By ships: Coyangs 30 | 320 | 350 Private on freight: Coyangs 20 | 50 | 70 From Sourabaija By ships: Coyangs 200 | 200 | 400 From Grissee By the ship: Coyangs 28 | — | 28 From Japara Private on freight: Coyangs — | 88 | 88 From Paccalongang By ships: Coyangs 50 | 329 | 379 Private on freight: Coyangs — | 400 | 400 From Joana By ships: Coyangs 193 | 232 | 425 Private: Coyangs — | 60 | 60 From Tagal By ships: Coyangs 500 | 860 | 1360 Private: Coyangs 71 | 160 | 231 Summary: The transport with the Company's ships: Coyangs 2942. — And private on freight: Coyangs 841. — Total Coyangs: 1092 | 2691 | 3783 Samarang the 24th of December 1785. [was signed] J. Siberg. Besides the following white table rice shipped as provisions for the High Government: Coyangs 40 lbs — from Tagal Coyangs 21 lbs 1133 1/3 from Paccalongang Total Coyangs 61 lbs 1133 1/3
Dutch transcription
Pag„a 17= Samarang den 24:en Decemb harang den 24„e December 1755. — 1 Samarang. 1 Sourabaija. Grissee. Japara. paccabongang. pen. . . .. pen „ Joana. Tagal. te zamentrekking. met 1 Comp:scheepen Coij 2942. -. op wagt - - - - - „ 841. —. Teld. amarang den 24. december 1785. de witte tafel Rijst tot en Tagas paccalongang.. Hooge Regeering ver„ was geteekent :/ I: Fiberg. in den fellen storm van den 5„e deezer vo„ op strand geslaegen is, sonder moogelijkh vlot te kunnen werden gebragt en de R „waerds aanteneemen, als waaromme dan „hebben Barkeij op den 12. daar aan, gereso tot de ontlossing en weeder overscheeping der gelaedene goederen in Een ander vaarthuig; „hoorende, 't welk bemand met 5. Europeese „sche zeevaarende als nu dienen zal, tot taan „gemelde goederen naar Banjermassing, zoo maar Eenigsints handjaans blijft en het niet de hoek van Lassum te bereijken, van waar sij, „son reeds soo perze ingeschooten is, na Blinjerin Oversteeken, om sonder vreese voor mislusking de „nen gewinnen. - Terwijl ik uw Hoog Edelheed met betrekking tot het Artikul van Dienaeren ook needrigst dankzegge: a „Edelheeden heeft gelieven te behoegen den „tair Carel Albert Christiaan van Bose, of gedaane verzoek op Java te laaten dienstd Jk verEere mij Overigens met waare hoog „bied te blijven /:onderstond:/ titul /:lager:/ uwso „aerdaenige en gehoorzaemen dienaer /:was getee /:in margine:/ Samarang den 24„en december Coijang 1092. 2691. 1783. - : ticque Aanthooning van de Rijxt, welke primo Augustus Jongstleeden, tot heeden van vord. oost- kust, sComp„s weegen; soo met scheepen vragt vervoert is; Namentlijk. -. over gecon„ te Inkoop „ tract: zaemen. . . . Coij„s 30. 320. 350. - . „ 200. 200. 400. 379. . - - - - „ 71. 160. 231. - . - - - - . „ 193. 232. 425. hier op vragt - . . - - . „ 20. 50. 70. hip. . . . . . . „ 28 —. 28. op vragt - - - - - - „ —. 400. 400. en . . . . . . . „ 500. 860. 1360. iere op vragt - - - - - „ —. 88. 80. taen . . . . . . „ 50. 329. . . . - - - „ —. 60. 60. H 8 ven 1 Pag„a 17- Samarang den 24:en Decemb Samarang den 24„e December 1785. —. „sonden, als in den fellen storm van den 5„e deezer vo op strand geslaegen is, sonder moogelijkh vlot te kunnen werden gebragt en de R „waerds aanteneemen, als waaromme aan hebben Barkeij op den 12. daar aan, gereso tot de Ontlossing en weeder overscheeping der gelaedene goederen in Een ander vaarthang; „hoorende, 't welk bemand met 5. Europeere „sche zeevaarende als nu dienen zal, tot tran „gemelde goederen naar Banjermassing, zoo maar Eenigsints handjaans blijft en het niet de hoek van Lassum te bereijken, van waar sij „son reeds soo verre ingeschooten is, na Banjerwi„ Oversteeken, om sonder vreese voor mislukking de „nen gewinnen. - Terwijl ik uw Hoog Edelheid net betrekking tot het Artikul van Dienaeren ook needrigst dankzegge: a „Edelheedens heeft gelieven te behaegen den „tair Carel Albert Christiaan van Bose, of gedaane verzoek op Java te laaten dienst Jk verEere mij Overigens met waare hoog „bied te blijven /:onderstond:/ tetul /:lager:/ uws „aerdaenige en gehoorzaemen dienaer /:was gete„ /:in margine:/ Samarang den 24„e december Copia Specificque Aanthooning van de Rijst, welke seedert primo Augustus Jongstleeden, tot heeden van Javas Noord. oot. kust, sComp„s weigen, soo met scheepen als op vragt vervoert is; Namentlijk. -. over gecon„ te Inkoop „ tract: Zaemen. van Samarang. Het scheepen. . . „ . . - Coij„s 30. 320. 350. - particulier op vragt - - - - - „ 20. 50. 70. van Sourabaija. met scheepen . . „ 200. 200. 400. van Grissee. met den schip - - - - - - „ 28 —. 28. van Japara. particuliere op vragt - - - - - „ —. 80. 88. van paccabongang. met scheepen. . . -. -. -. „ 50. 329. 379. particulier op vragt - - - - - - „ —. 400. 400. vvan Soana. met scheepen particulier. . . - - - - „ 71 160. 231: van Tagal - - - - „ 500. 860. 1360. met scheepen. te zamentrekking. den vervoer met sComp„s cheepen Coij 2942. -. en particulier op wagt - - - - - „ 841. —. Coijenge 1092. 2690. 1783. Teld. „t Samarang den 24. december 1785. /:was geteekent:/ I: Siberg. Buijten de volgende wirte tafel Rijst tot provisie voor de Hooge Regeering ver„ Coij„s 40. lb. — van Tagas —„ 21. „ 1133. 1/3. „ paccalongang. . Caij„ 61. lbs 13 1/3. „ . - - - - . „ 199. 232. 425. particulier . . - - - „ —. 60. 60. verte ƒ