Inventory 3818
Japan · 1,296 pages · 258 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
Maccasser 105 To the Right Honorable Worshipful Mister Barend Reijke Governor and Director of the Coast of Celebes Right Honorable Worshipful Sir and Ruler Yesterday I had the honor to receive Your Right Honorable Worship's much respected letter of the 2nd of this month, to which I have the honor to serve in reply, that I gave a further report on the crop to Your Right Honorable Worship in a general letter of the 29th past, of which one cannot report anything with certainty before the paddy has sprouted, since the paddy fields frequently languish and also often recover again; at Bonthain only little has been cut as yet, and also little paddy has sprouted, however I can impart this to Your Right Honorable Worship with certainty, that many paddy fields which were already considered lost by the native, because they had been plagued by the worm, have recovered and revived again due to the rain, and I therefore still have hopes for a good harvest; at Boelecomba the paddy in the province of Gantarang looks very poor, however from the paddy fields in the province of Oedjong Lowee one hears no complaints yet from the native. The famine is widespread here in the Southern Provinces, so much so that there is no household which, due to the shortage of rice and paddy, is not forced to sustain itself on certain wild tree fruits and leaves, and even these are already becoming scarce. In the Upper District it looked even more miserable, so pitiful indeed that some natives, weakened by hunger, can no longer come out of their their houses, which is a true story. The only relief in foodstuffs that has been obtained here so far is from Bima, Sumbauwa and the Northern Provinces, mostly brought in by Bugis, and these traders have sold the rice at retail for 62 rixdollars 24 stivers Dutch per last, and such is the price here at present; before this it has been sold on the markets here for as much as twice that price. I shall not fail, in accordance with Your Right Honorable Worship's highly respected order, to use my utmost power and diligence as soon as the new paddy is cut at Bonthain and here, to purchase sixty lasts of rice for the account of the Honorable Company, however it is impossible to obtain it for less than thirty Dutch rixdollars per last; and even then I will have to speak very persuasive words to the Regents of Bonthain, Tompoboeloe, Gantarang and Oedjoeng Lowee to encourage the native to make that cheap delivery, since previously in cheap times the new rice on the markets before the tithing was never sold for less than five new shillings per measure, and such a measure did not even contain 66 2/3 lb, whereas I shall now, with the kind permission of Your Right Honorable Worship, offer thirty stivers to the Regents for such a measure of rice of 66 2/3 lb, and prohibit the sale of new rice on the markets before the Honorable Company is supplied with the aforementioned quantity. I hope that this prohibition will encourage the native to deliver the new rice quickly at such a price; however it will be impossible to ship the aforementioned quantity of sixty lasts of rice earlier than after mid-December, since a portion of the tithed rice will then still have to be added to the purchased rice, considering that at Bonthain and Tompoboeloe the paddy fields are only cut in the month of November, and also many in the month of December, and here only in the months of December and January, apart from the early-ripening or paddy linta. If Your Right Honorable Worship should not be able to spare a pantjallang for 106 for the collection of the aforementioned rice, I shall send that quantity over with one or two of my own newly built paduakang, well provided with everything, since I fear risking that precious cargo on a single voyage with pressed vessels from Bara, Tana Beroe, Lemo Lemo and Ara, given that 12 to 15 vessels from the upper district are required for such a quantity, of which the best and most select are only very poorly equipped. Meanwhile I humbly request nothing else from Your Right Honorable Worship for the transport than to be allowed to supply a measure of 40 lb of rice for the natives sailing on them, and that upon delivery at the grain warehouse they may be treated fairly and reasonably, concerning all of which I now come humbly to request Your Right Honorable Worship's highly honored authorization. If it should kindly please Your Right Honorable Worship to charge me with carrying out the tithing, I shall, in accordance with Your highly respected order, besides this purchase, use my utmost diligence to make a good collection, provided I may collect the tithe in rice from the Bone princes and the peoples of Terang Terang and Kalkonkong, as well as from the Regents partly in rice, who previously were all tithed together in paddy, and who greatly abuse this favor by mixing a multitude of other natives' paddy with their own, behind which roguery one is unable to get, nor to prevent the same except by this means. I have the honor to call myself, with due high esteem and deep respect, was written below, Right Honorable Worshipful Sir and Ruler, lower, Your Right Honorable Worship's very humble and dutiful servant, was signed, J. B. van Diemar, in the margin, Boelecomba in the Company's Fortress, the 8th of October, anno 1788. Boelecomba
Dutch transcription
Maccasser 105 Aan den wel Edelen Agtbaaren Heer Barend Reijke Gouverneur en Directeur der Cutte Celebes Wel Edele Agtbaare Heer en Gebieder Ik heb gisteren de Eer gehad= te ontfangen uwwel Edele Agtbaare veel gerespecteerde letteren van den 2„e deezer, waar op de Eer heb in antwoord te dienen, diet ik bij gemeene brief van den 29e pas„ e „sato aan uwwelEdele Agtbaare nader heb verslag gedaan van 't gewas, van 't welk men niets met sekerheid kan melden alvoorens de padij geschooten is, dewijl de padij velden dikwerff quijnen, en ook veeltijds weder op koomen; op Bonthain is nog maar weijnig gesnee„ „den, en ook weinig padij geschooten, egter dit weet ik in 't seekere uwwelEdele Agtbaare te bedeelen dat veele padij velden die bereeds door den Jnlander verlooren zijn gereekend, door dien van de worm geplaagd zijn geworden, weder door de reegen, zijn op en bijgekoo„ „men, en ik heb dus nog hoope van een goeden oogst; op Boeleromba staat de pasij op de Provintie van gantarang zeer slegt, egter van de padij velden op de provintie oedjong Lowee hoort men nog geen klagten van den Jnlander. De Hongers nood is algemeen alhier in de zuijder Provintien, zodanig dat er geen Huis is die wegens gebrek aan rijst en padij niet genoodzaakt is, zig van seekere wilde Booms vrugten en bla„ deren te geneeren, en selfs deeze worden bereeds schaars. Jn de Bovenstreek Liet het er nog elendiger uijt, selfs zo deerniswaar„ „dig dat er sammige Jnlanders; door Honger verswrakt, niet meer van hun hun Huijsen kunnen koomen, 't welk een egt verhaal is, Het eenig„ „ste ontset dat men tot nog toe van Levens midelen alhier erlangd heeft, is van Bima, sumbauwa en de Noorder Provintien, meest door Boeginee„ sen aangebragt, en deeze handelaars hebben de Rijst in 't klijne verkogt voor rijxs 62: 24. hollands het last, en zodanig is de prijs tegens woordig alhier, bevoorens is die nog wel eenszo duur op de passen alhier verkogt geworden. Jk zal niet ingebreeken blijven om ingevolge uwwelEdele Agtbaare Hoog gerespecteerde bevel mijn uijterst vermoogen en vlijt aan te wenden zo dra de nieuwe padij op Bonthain en alhier gesneeden is Eene setig Las„ „ten Rijft voor reekening der E: Compagnie in te koopen, egter is het onmoge„ „lijk die voor minder te kunnen erlangen als Dertig Rijxdaalders hollands het Last; en dan zal jk nog de Regenten van Bonthain, Tompoboeloe, Gan„ „tarang in oedjoeng towee de beste woorden moeten geeven, om den Jnlander tot die goedkoope leverantie te animeeren, dewijl voor deezen bij goedkoope tijden de nieuwe rijst op de Pakters voor de verthiening, nooit minder verkogt is geworden als het blasje voor vijf nieuwe schellingen, en zodanig Glasje heeft nog geen 66 2/3 lb ingehouden, terwijl ik als nu aan de Regenten voor een zodanige maat rijst van 66 2/3 lb met gunstige permissie van uw, wel Edele Agtbare, dertig stuijvers zal aanbieden, en den verkoop van nieuwe Rijst op de passers interdiceeren, alvoorens de E: Comp„e niet gerieft is niet voorschreeven quantiteit, ik hoope dat deze interdictie den Jnlander wel zal amineeren om de nieuwe Rijst spoedig te leeveren teegens zodanige prijs; Egter zal het onmogelijk weesen om voorschreeven quantiteit van sestien Lasten Rijst erder te kunnen afscheepen als na Medio December, terwijl als dan nog een gedelte van de verthiende Rijst zal moeten gevoegd worden bij de ingekogte, gemerkt op Bonthain en Tompoboeloe de padij veldem in No„ vember maand eerst gesneeden worden, ook nog veele in de maand De„ „cember, en alhier eerst in de maanden december en Januarij, buijten de vroeg rijpe of padij Linta. Jndien uwwel Edele Agtbare geen Pantjallang mogten kunnen missen tot 106 tot den afhaal van voorschreeven Rijst, zal jk met Een of Twee van mijn eigen vd nieuw getimmerde Paduazangs van alles wel voorsien, die quantiteit oversenden, vermits ik bedugt ben met ge„ „preste vaarthuijgen van Bara, Iana Beroe, Lemo Leino en Ara, die kostelijke Lading in een ophaal dogt te hazardeeren, aangezien tot zodan„ „nige quantiteit wel 12 a 15 vaarthuijgen van de bovenstreek verEijkcht :S: worden, en waar van de beste en uijtgesogtste maar zeer slegt voorzien zijn, Terwijl ik niets anders voor den overvoer van uwwel Edele Agtbare onderdanig versoeke als voor de daar op vaarende Jnlanders een maat van 40 lb. Rijst te mogen opbrengen, en dat bij uitlevering in't graan naguazijn dezelve billijk en redelijk mogen behandeld worden, op welk een en ander ik uw welEdele Agtbare Hoog G'Eerde qualificatie na„ „der onderdanig koom te verzoeken. Wanneer het uw welEdele Agtbare goedgunstiglijk mog„ „te behagen mij het doen der verthiening op te dragen zal ik ingevolge Hoog derzelver gerespecteerde Last; buiten deesen inkoop, mijn uitersten vlijt aanwenden omme een goeden insaam te doen, als ik maar de Bonijse Princen en de Volkeren van Terang Terang en kalkonkong voor Rijst mitsgaders de Regenten voor een gedeelte in Rijst mag varthiening verthienen, dewelke voor deesen gezamentlijk in padij zijn verthiend geworden, en die deese gunst groo„ „telijks des abuseeren, door een menigte van andere Inlan „ders hun padij onder de haare te voegen, agter welke schel„ „merij men niet vermogens is te kunnen komen, nog „te deselve anders dan door dit middel tegen te gaan. Jk heb de Eer met verschuldigde Hoog-agting en diep respect mij te noemen /:onderstond:/ WelEdele Agtbare Heer en Gebieder /:lager:/ uw welEdele Agtbaare 's Zeer onderdanige E Onderdanige en Trouwschuldigen Dienaar /:was geteekend:/ I: B: van Diemar /:in margine:/ Boelecomba in 'sComp„s Fortres den 8„e October A„o 1788: — Boelecomba
English
107 Boelecomba To the Junior Merchant Godtlieb van Diemar Resident on the Honorable Company's behalf there Honorable Pious Discreet In reply to your separate letter of the 8th of this month, it serves to state that since the collection of the tithes has already been assigned to you, you must also effect everything in that regard that can serve to the advantage of the Honorable Company; provided that no overly harsh manner of acting is employed toward the poor farmer. After greetings, I remain Your good friend was signed Pieter Reijke Agrees First Clerk Makassar in Castle Rotterdam, the 12th of October Anno 1788. V. Seenee D. 108 5 268 313 3 Number 27 front in the muzzle rusted. 7 Number 26 31 4 1/8 inches from the 11¼ inches some flaws. from the inside. at the muzzle a the entire muzzle full 7 5 Number 9½ inches from the touch-hole grooved in the muzzle. of the Roadstead 80 and the sweeping. around the entire 1 Roadstead Table of all such Bronze and Iron Cannons, Mortars, and Howitzers as are still remaining under today's date here at the Government, as well as the subordinate Residencies and Vessels; together with their proportions, as well as where the ordnance is placed, and for what defense it serves. Notice of the defects to be reckoned from the bottom: Number 29: 12 pounds 15½ lb nothing to be seen. Number 28: 12 pounds 13 5/8 lb nothing to be seen. Number 27: 12 pounds 15½ lb sand-flaws and blisters. Number 26: 12 pounds 17¼ lb nothing to be seen, some crevices. Number 25: 12 pounds 10 3/8 lb ditto ditto roughly hollowed. Number 24: 12 pounds 17¾ lb ungrooved and holes. Number 23: 12 pounds 16½ lb Number 22: 12 pounds 16 lb pieces nothing to be seen. Number 15: 10 pounds 2¾ lb ditto grooves and holes. Number 16: 18 pounds 34 lb 8½ Number 1: Bronze 2 pounds 17 lb Gerrit Koster 1676 3100 Number 2: 12 pounds 13½ lb ditto Gerrit Koster 1676 362 Number 110: Iron 12 pounds 15¼ lb nothing to be seen, large cavities and some blisters. Number 20: 12 pounds 22 lb nothing to be seen. Number 21: 12 pounds 17 lb Number 19: 12 pounds 20 lb nothing to be seen. Number 13: 12 pounds 8 1/8 lb 5 feet inches from the bottom cavity. 6 Number 8 5/8 inches some cavities rusted out. Number 116 inches several, 1 deep cavity. Number 12: Iron 2 pounds 15 lb nothing to be seen. Number 11: 12 pounds 19½ lb 2 deep cavities. Number 10: 12 pounds 18 lb ditto Number 8: 12 pounds 22 lb nothing to be seen. Number 7: 18 pounds 21 lb Bronze 18 pounds 18¼ lb Assuerus Koster 1651 3860 Bronze 18 pounds 2½ lb Pieter and Assuerus Koster 1671 3860 Number 1: Iron 18 pounds 22 lb nothing to be seen. Number 3: 12 pounds 14 lb Number 2: 12 pounds 15 lb 12 pounds 16¾ lb 12 pounds 15 lb 2900 12 pounds 1 3/4 lb nothing to be seen. 12 pounds 32 lb and 31 inches a large cavity. 18 pounds 22 lb ditto Number 449: 18 pounds 22 lb Number 418: 18 pounds 32 lb nothing to be seen, and in the muzzle heavily. Number 186: 12 pounds 11 lb Number 185: 12 pounds 15 lb Number 41: 12 pounds 16 lb flaws and grooves. Number 12: 12 pounds 1¾ lb nothing to be seen. Number 83: 12 pounds 13 lb ditto, 2 feet 4 inches some flaws. Where the ordnance is placed: For what defense: Notice of the defects to be reckoned from the bottom: For the sweeping of the land side. For the entire land side.
Dutch transcription
107 Boelecomba Aan den onderkoopman Godtieb van Diemar Resident 'sComp:s wegen aldaar Eerzame Vrome Discrete Op uE aparte van den 8„e deser diend in andwoord dat daar uE reets het doen der zunder verthiening is opgedragen uE ook daar omtrent alles moet bewerkstelligen wat tot voo„ „deel van d' Ed: Comp: dienen kan; mits geen te straffe hau„ „del wijze omtrend den armen Landman gebruikende. Jk blijve na Groete - uE Goede vriend /:was geteekend:/ P„r Reijke E Accordeert g. klerk Makaysar in het Kasteel Rotterdam den 12:e' october A„o 1788. V Seenee E D. 108 5 268 313 3 No 27 voor in de Mlandang geroest. 7 No 26 31 4 1/8 d' van den 11¼ d eenige vallen. van binnen. aan de Mundung ee„ de heele Mundang vol 7 5 V:o 9½ d=m van den Raden gegraaven in de Mandang. van de Rheede 80 en de Veegerg. om de Geheele 1 Rheede Labelle, van alle zoodanige Metale en IJsere Canons, Mortieren en Houwitten als 'er onder heedigen Tatum alhier ten Gouvernemente, beneevens de onderhoorige 271 Residentien en Vaartuigen, nog per Restant; beneevens d' Proportie van dien, mitsgaaders, waar het Geschut geplaatst, en tot wat Deffensie het selve is— her 122 we 8 t e En tot Hel Ge„ voorsz. ƒ CD Notitie 63 e 3 1e N 5 5 schus waar weel De„ 7 E En 6 2 d e 3 3 2 E der Gebreeken 8 5 . geplaatst. fensie e ende 8 8 69 55 van den Bodem 15 20 Es 8 8 8 e d 63 c E d af te reekenen 3 3 ter 85 3 8 Nr 3 3 8 3 e 3 36 8 e 56 6 ende 2 53 9 905 3 d 8 8 5 9 1 8 P 885 9n 9r Gn 9m. 9 gescreps m d 8 8 8 dV. d d lb. lb fo niet niet 2 4. 10 3/8. 83 zier Zien. Zien 8 A. 3- 3½. 17½. 135. 3¾. 60. tcere 12. 15½ nies te —. 8. 3123. 2½. 17 7/8. 138. 4 3/4. 7/6. 95/8. 29. — „ 12. 13 /8. Zien —„ ende —. 8 -3. 3 3. 17/6. 1 3/8. 14. 5/8. 9 5/8. 28. — 12. 1 5/18 dc „ — - ende —: 8 2/1. 2. 1½ 18 /8. 13/8. 58. /30. 108. melgallen en kosten in 27. —. 12. 15½ 8l - — nies —. — . 8 41 8. 9. 16 3/8. 12½. 8 1/8. ½. 98. koden eenige Banken 26. — „ 12. 17¼ Zier —„ 8. ¾. 3. 1. 17 3/8. 13/¾. 2/8. /8. 0 1/8 d:o d:t ru grote hote 25. — „ 12. 10 3/8: 8 : — „ 8. 28/8 9. 24. 16 3/8. 12 4 514. /4. 18 —„ 12. 17¾ 8 —- „ 24. ƒ —„ —. 8- 3½. 3. 2½ 17½. 14. 4¼. ½. 108. ongegroeven en Gater. 12. 1/½. 8 23. —„ ƒ —. 8. 410 3 35: 178. 121„ 4 /8 /8. 18¾ —. 1706. 22. —. 12. 16: 8 p:s nies ende zien . — „ 8. 10. 3. 6. 18 5/8. 15. 52. /8. 125. 15. — 10. 2„¾ 8 d:o ƒ x ƒ —. 8. 10 4/3. 8/4 18½ 14 /8. 6. 5/8. 118. roeven en gaten. 16. —„ 18. 34. 8½. —. Kerrit kooter ƒ676. 3100. 9. 3. 3. 10 156: 2 8. . /8. 8 8/8 1. Matel 2. 17. 8 Perris Koster 1676. 362 9 ¼. 185 15/8. 121„ 4 /4 /8 8 8/8 2. —„ 12. 13½ d:s niet nies niet e zien. Zien zien. 8-2. 3- 30. 18 /8. 13¾. 5½ 5/8. 10 8. af, groote hollen en eeni 110. IJsere 12. 1514 &d„ niet —. 7 41: 3 15: 184. 135„ 4 1/8. 7/8. 10 8/8. —. 20. —„ 12. 22. Zien 7 8. 0 18. 6. 164. 13. 4 5/8. 2. 10. 3/8 „ 12. 17. 8 21. niet — —. —. 8. 3/8. 3 2/8. 17. 13 3/8. 5. 7/8. 10½. 19. —. 12. 20. zien. 13: —„ 12: 8: 1/83 d _. —: —: 8: 23: 3: 37: 178: 17½: 50: 586: 9 1/8. 0 3 „ 5 3 5 — ende 8 nees d ed e 9 te e d E 5 8 8 Se x ƒ 5 e 8 8 F „ E 1e 5 d 8 „ Het 1 6 e 7 18 e 83 af te reekenen 5 V=t Ed:m van den Bodem bank. „ 6 r„o 8 /8 d=m eenige hallen uitgeroest. No 116 d=m verscheide 1„ eene diepe holte 3 L3 5 P d 3 d aar ge aff o 1 van 6 do 3 in 5 g 6 8 E en . 5 3 3 en 85 ƒ5 23 e 8 e 8 ƒ 5 5 F 163 8 6 d P gen C gagen gen p=s drn v=rt gr: d 8 8 d 6 niet niet mis tzien. Zien Zier. 8 3. 3. 3. 1 3/8. 1354. 4 /8 /8. 10 11 12. YJsere 2. 15. 8 8 —. 7 41/33 ½. 18. 14¼ 4½ 5/8. 118. 2 diepe hallen. 11. —„ 12. 19½ E —„ —„ A —. 8. 3 1 3. 5„ 17/„ 13/2 538 2/8. 10 1/1 10. —. 12. 18. 8 do —„ -„ nies —. 8. 7 /13 24 1 7/8. 3 3/. 5. 1/8. 10 1/6 8. —. 12. 22. zien —„ —. 7. —„ 18. 21 12 —„ —„ —„ —. 8. 1 3/. 3. 8. 18 3/8. 151. 6. 3/4. 12 3/4. 80 N„o hoort Moetale 18. 1814: d haaga 1651. 3860: 9 5: 3 10: 1 7/8 3/1 / / /8 P Am. Coort 5 —„ 18. 2½ 3. kanga. 1571. 3860. 9 5. 3 10½ 17 7/6. 13¼. 5/8 /8. 10 3/8. niet niet niet nde V. Zien zier zeer 8 10 3/¾4 3- 6. 18¾. 11½. 52. ½. 12 /3. 1. sper. 18. 22 3. —„ 12. 14. l —. —„ —. 8 3 /3. 271 17½ 18 /. 24. 13 8/8 7 2. —„ 12. 15. 88. —. —. —. 8. 35 3 27: 17½. 135. 3/. . 102. —„ 12. 16¾ 8C„t —. —. 7. 214 3 —„ 174. 1. 1/8. 5/6. 10 8/8. —„ —. 12. 15. 2. –. 2900. 8. 2. 3. 3. 16 /8 125/8. /8 1/6. /8. —„ niess niets — „ 12. 1 3/4 zien. — - - „ zien . 8 - 3¼. 3 ¼4. 1 3/8. 12 5/8. 8 3/4. 3/8. 93/8. —. —„ —. 8 —2. 3 2¼4. 17¼4. 13/¾ 4. 8. 90. en 31 / : ene groote —. 12. 32. —„ —. 18. 22: 8 d: —„ —. 9. 10. 3— 7. 18 /8. 17/8. 5/8. 2. 11½. —„ 449 —. 18. 22. l —„ —. —. 8. 10 3 54. 18 3/8. 12/. 14. 4. 1 /3. niets 418. —. 18. 32. zier —„— —. 8 9 1/4. 3 - 1/3. 17 /8 118. 5½ 1/8. 11. en in de Mundangsterk. „ e 186. —„ 72. 11„ 82 —„ 8. 314. 3 3/8. 17 3/8. 13½ 5. ½. 9¼ —„ —„ 1 185. —„ 12. 15. 8 —. —„ —. 8. 7. 3. 258. 1 1/4 3/8. 4. ½. 18½. 1½ „41. —„ 12. 16. 8 — „— —. 7. 11 4. 3 —2. 18. 14½. ƒ 5/8. ¾. 1½. gallen en Groeven. ƒ —. 8. 7/ 3 2/8 1 /8 1/8 /3 8. 8. —. - niets „12. —„ 12. 1¾: Zier - - — . —. 8 — 2. 3. 3. 17 1/8. 12 1/8. 5. ½. 98. 2v„s 4 8:s eenige Jallen ƒ83 — „ 12 13„ 8 d„ d d 1. 2 Notitie tot wal Pe„ Gescheer eer Gebreeken fensie. waar van den Bodem geplaatst. 3 van de Veegerij in de Land zeyde. van de geheele laend zeyde. 3 G e 8 E 5 S A 8 Ed + 2 63 30 E 8 6 En E ƒ e 5 e E 8 5 1 3 58. 59 6. 6 5 3 ƒ & 8 3 38 e D 53. 52 51. 50.
English
110 3 9 28 8 8 2 66 3 Note 32 7 of Defects 9 8 mr The to be calculated from 8 68 5 Honorable Per pound from the bottom where defense. ƒ on the side of Baru and the Roadstead. 7 In front in the mouth of the entire 8 square, of the castle on the land side. norgpporg No. 7 8 3 2 18 Honorable 5 5 g 13 3 5 E 5 e P d 3 8 32 8 per pound per piece 3 Inches D /. 7. nothing nothing nothing to to 7. 39 Iron. 18. 28. 8c. to be seen to be seen to be seen - 10: 2 1/ 18. 1 1/4 5/8. /4. 98. nothing 707 — 8 6. 3 1 16 /8 123/6 / /. 3/8 40. — 12. 15½ Seen. — 1707. not —. 18. 13 3 3/ 1 /. 1. 4. 4. 178. 38. —. 18. 24½: — —: to be seen. 837 — —. 3850. 8 10. 3- 8. 18 5/8. 16. 4/8. /8. 108. heavily honeycombed. 37. — 18. 274. 57. nothing to be seen 3/8. 3. 1/ 17. 13/. 5/8. 3/6. 1/8. 36. — 12. 15½ 8 pieces —. —. —. 330. 8. 31 38 78. 1 3/. 5. 4. 1¾ 35. —. 12. 14: 8.: —. nothing to be seen 8 3 1 74 138. /8. . 104. —— 34. —. 12. 17½. 82 5 —. 7- 5. 3 —. 1 5/8. 12/8. 14. 3/8. 8 5/8. —. 58. — 8. 9½. 8 Ditto and 2 —. —. —. 75. 3 —. 16: 120 414. 3/8. 8¾ 59. — 8. ½ etc. 2220. 7. 10. 3. 4. 1514. 1 1/8. 4. ¼4. 5/8. 8. 9½. B -: —. 2294. 7. 9 3 4. 15 1/8. 4. /8 3/8. 6. —. 8. 9. & — nothing to be seen. - 5½. 2- 7. 1 1/4. 1 3/8 3¾4. ¼. 5/8. 1. —. 6. 6¾ etc. —. —. —. 6. 5 2. 5. 14. 1 /8. 3/¾. 4. 88. 2 —. 6. 7. 82 Claudi 73 5 Metal. . 5½ 8 lb Fremy 1689 1708. 7 24 3— 1. 138. 108. ½. ½. ¾. N Claudi 6. — 16. 6½. 8 Fremy 1682. 1625 7- 2. 3 3/8. 12/8. 10. 3/8. ½. 7 3/6. 9. — C through 53 63 placed. 5 Artillery to what And N With 3 E 3 — — e 8 S 5 3 3 The 5 8 8 e 5 63 s 3 1 30 No. 8: 5 8 hr & & 8 5 3. 5 3 d. x 8 3 d _ 3 5 e the. 5 5 8 5 5 6 58 3 2 6 d of Defects From the Bottom The 1st 8 ditto with in front at the muzzle. from the side of Bontuwala also for the Square, both front and back, and on the side, of the Redoubt. e ƒ 343 8 6 higher ibid 65 the 8 5 ƒ 9 S to be calculated e p ƒ Honorable 6 6 98 ƒ 5 828 per inch per pound to be seen 0 ditto d nothing nothing ƒ to be 90. Iron. 6. 7. 8 ditto seen - seen 1740. 15. 2. 10 1 14. /4. 7/8. 8. not nothing — seen. 7 31. 2. 11½. 1 1/8. 11. 3/8. ½. — — — 1800. 7. 1½. 2. 10. 1 18. 10 5/8. 3½. ½. 9. small deep flaws. —. 1740. 7—1 2. 10. 1 ¼. 1. 35/0. 14. 7/8. . ƒ —. —. 1708. 7 3/¾. 2 10: 1/8. 1/. ½. /8. 7. ƒ — 6. 7. 8 —. —. 1760. 7. 2. 10. 1. 18. 3/6. ¾. 9. ƒ —. 6. 7. 85. —. —. 1524. 6. 5. 2. 72. 14. 10 3/4. 3 5/8. 4. 8¼. ƒ —. —. 1760. 7 ¾. 2- 9½ 11 1 1/8. 3¼. ½. 8 /8. pitted or honeycombed 5 not — seen. ƒ — 1. 2. 1/4. 1 14. 11. 3¾4. /4. 8 3/8. —. —. —. 7. 25. 2 10. 1 /4 14. 3/8. 3/8. 1/8. —. —. 1700. 7. 23/41. 2. 9. 1 1/4. 10. 35/8. 3/8. 8. E —. —. 1710. 7 3/. 2. 0. 1458. 14 1/8: ½. 8¼. nothing —. —: to be seen. — 4. 2 5. 13. 11. 4. ½. 9. 6½. 8 —. —. —. — 1. 2 5. 12. 11. 4. ½. 9. 6. 14. 25. - —. 6. 11. 2. 4. 19. 1. 4. ¼. 4. —. ƒ 6½. 8 —. — —. 6 4. 2- 4. 12 11. 4. ½. 9. 12. Metal ƒ1. 5 8 r. 7. Crans. 1721. 1395. 7. 5/8. 3. 2/. 18. 1/0. 1/4. 1/8. 5/6. 12 The elder seen. — 4. 5. ditto Rogge. 1689. 1068. 6 3/8. 2- 1/. 1. 8 3/¾. 3. 16. 6½. The elder Rogge 1685. 1085. 6. 41. 2. 8. 10/4. 8½ 3. 7/8. 6½. 5¾ Crans 1. . — 7. ½ Jans. 1741. 11530. 6. 1½ 2 1 18 8 4 2/8 2/8. 6¾. Note 92. — 6. 8. 8c — 64 — 6 ½. 8 etc. 86. — 6. 7½. etc. — — 4 41½. 8: 9. seen. — 6 7½. etc. 89. — 6 7/8. 82. 88. —. 6. 8. 8 seen — 6. 9. seen un run 6 e N 18 nothing — 6. 9. to be seen Artillery to what where Defense And placed m 5 N 2 8 4 8 8 6 5 22 5 S. S e 8 5 5 5 e 8 E od 6: P 8 8 5 the ditto Hes 741 etc. d 3 8 5 —. — —. —. — not to be not seen to be not seen. not 63. 61: — 6: 7½ 94 — . 6 8½. — not 112 Hes f N Note The honorable the Bottom to be calculated from. placed on. sid kker d both for Parade, as to serve for Defense in time of Need by Night and untimely hours, and during Alarm. 8 sx. 9' rusted around the touchhole. vlef s 18 5 e 5 5 3 2 2 83 3 2 E E 67 d s E 5 8 bronze ƒƒ 5 ƒ 5 8 28 G 8 9 5 and 8 - 88 per inch per piece etc. rb 8 not not not not to be to be to be 3 to be 31. Iron. 12. p 3/ seen, seen seen seen 8 35 3- 7 178 135 50. ¾4. 10½. — 8 353 9: 131 138 1 /8: 18/ 92. — 12. 20. —. —. 3 9. —. 12: 23¾ —. — —. 8 — 1½. 3 2. 1714. 1 2½. 4 1/8. 2. 10 /8. — 117. —. 12. 19. — —. —. —. 8— 3 3 5. 172. 1 3/8. 52. ½. 24. flaw, some flaws 111. — 12. 16: 2 ditto — —. —. 8 4. 13 41: 17. 131 5. 2. 10½ 5 2 N here. — 41. 4½ etc. —. —. 13 1. 6. 12. 4 1235 90: 34 8. 7/8. 7 —. —. 4. 4½. 8 2 —. —. 124:6 14: 2. 41 12/4 1. ¾4 4. 3/8 —. —. 1354. 6. 1. 2 91: 123/¾ 9/6: 3¾: 14. 5/8: — — 41. 4½. 8: 1 —. —. 41. 4 1½. 88. — —. 130. 6 8/ 2 94 124 90: 354 18. 88 The elder 8. Metal. 6. 6½. 8 Ditto Fremy 1698. 1727. 7- 2. 3. – . 13/8. 10. 3/8. ½. 7 1/8. The elder 7. — 6. 6½. 8 ditto Fremy 1682. 1612. 7- 2. 3. 4 123 /8. 3/¾ ½. 8½. e Pieter 89 22. — 2. 2¼. 8 —. Seest. 172. 161 4. 18. 1. 8. 6 2/8 8. 5 1 Pieter 1772 21. — 2. 2/7 8 F: Seest 172 171 14. /8. ½. 85: 68 2/8 /8. 5. e d 8 8 e 5 5 25 end ƒ 8 g d x from the from the Roadstead. e e ƒ 5 8 9 18 Artillery where to what Defense 5 5 5 5 ƒ 15 5 3 95 And 5 metal. of not
Dutch transcription
110 3 9 28 8 8 2 66 3 Notitie 32 7 der Gebreeken 9 8 mr De daf te reekenen 8 68 5 Ed Pr c van den Bodem I F waar Defensie. ƒ van de hant van Baroe en de Rheede. 7 I voor in de Munding van de ganlsche 8 Plein, van t Cas„ teet aan de Land zyde. norgpporg No. 7 8 3 2 18 Ed 5 5 g 13 3 5 E 5 e P d 3 8 32 8 p=r d„r v„k J=r 3 D:n D /. 7. nies niet niet t te te 7. 39 Yssere. 18. 28. 8c.„t zien zien zier - 10: 2 1/ 18. 1 1/4 5/8. /4. 98. niets 707 —„ 8 6. 3 1„ 16 /8 123/6 / /. 3/8 40. —„ 12. 15½ Zeen. — „ 1707. niet —. 18. 13 3 3/ 1 /. 1. 4. 4. 178. 38. —. 18. 24½: —„ —: zien. 837 —„ —. 3850. 8 10. 3- 8. 18 5/8. 16. 4/8. /8. 108. sterk uitgeroert. 37. —„ 18. 274. 57. niets A te zien 3/8. 3. 1/ 17. 13/. 5/8. 3/6. 1/8. 36. —„ 12. 15½ 8 p:s —. —. A —. 330. 8. 31 38„ 78. 1 3/. 5. 4.1¾ 35. —. 12. 14: 8.: —. niets te Zien 8 „ 3 1„ 74„ 138. /8. . 104. —„— „ 34. —. 12. 17½. 82 5 —. 7- 5. 3 —. 1 5/8. 12/8. 14. 3/8. 8 5/8. —. 58. —„ 8. 9½. 8 D ende 2 —. —. —. 75. 3 —. 16: 120 414. 3/8. 8¾ 59. —„ 8. ½ &:s 2220. 7. 10. 3. 4. 1514. 1 1/8. 4. ¼4. 5/8. 8. 9½. B -: A —. 2294. 7. 9 3 4. 15 1/8. 4. /8 3/8. 6. —. 8. 9. & —„ niets te zien. - 5½. 2- 7. 1 1/4. 1 3/8 3¾4. ¼. 5/8. 1. —. 6. 6¾ &o A —. —. —. 6. 5 2. 5. 14. 1 /8. 3/¾. 4. 88. 2 —. 6. 7. 82 Claadij 73 5 Sbetale. . 5½„ 8 b Treni 1689 1708. 7 24„ 3— 1. 138. 108. ½„. ½. ¾. N Clandij 6. —„ 16. 6½. 8 „ Trenij 1682. 1625 7- 2. 3 3/8. 12/8. 10. 3/8. ½. 7 3/6. 9. —„ C doo 53 63 geplaatst. 5 Geschus tot wat En N Met 3 E 3 — — e 8 S „ 5 3 3 De 5 8 8 e 5 63 s 3 1 30 Ne 8: 5 8 hr & & 8 5 3. 5 3 d. x 8 3 d _ „3 5 e de. 5 5 8 5 5 6 58 3 2 6 d der Gebreeken V. P van den Bodem Da 1V=o 8 d=o roll met voor aiet de Munen„ schooten. vonde kout van Bontuwala ook §r het Stein, zoo voor als agter, en op ky, van de Redake. e ƒ 343 8 6 „hger id 65 de 8 5 ƒ 9 S oef te reekenen e p ƒ ed 6 6 98 ƒ 5 828 p. r d=m ps g=en 9= en gen en ge 0 do d niets niets ƒ „te 90. Ysere. 6. 7. 8 d„s zien - Zien 1740. 15. 2. 10 1„ 14. /4. 7/8. 8. niet nies — „ Zier. 7 31. 2. 11½. 1 1/8. 11. 3/8. ½. —„ —„ —„ 1800. 7. 1½. 2. 10. 1 18. 10 5/8. 3½. ½. 9. kleine diepe Galen. —. 1740. 7—1 2. 10. 1 ¼. 1. 35/0. 14. 7/8. . ƒ —. —. 1708. 7 3/¾. 2 10: 1/8. 1/. ½. /8. 7. ƒ —„ 6. 7. 8 —. —. 1760. 7. 2. 10. 1. 18. 3/6. ¾. 9. ƒ —. 6. 7. 85. —. —. 1524. 6. 5. 2. 72. 14. 10 3/4. 3 5/8. 4. 8¼. ƒ —. —. 1760. 7 ¾. 2- 9½ 11„ 1 1/8. 3¼. ½. 8 /8. gerged=s of uit grie„ 5 nie — „ Zier. ƒ — 1. 2. 1/4. 1 14. 11. 3¾4. /4. 8 3/8. —. —. —. 7. 25. 2 10. 1 /4 14. 3/8. 3/8. 1/8. —. —. 1700. 7. 23/41. 2. 9. 1 1/4. 10. 35/8. 3/8. 8. E —. —. 1710. 7 3/. 2. 0. 1458. 14 1/8: ½. 8¼. „nies A —. —: zien. — 4. 2 5. 13. 11. 4. ½. 9. A 6½. 8 —. —. —. — 1. 2 5. 12. 11. 4. ½. 9. A 6. 14. 25. - —. 6. 11. 2. 4. 19. 1. 4. ¼. 4. —. ƒ 6½. 8 —. —„ —. 6 4. 2- 4. 12 11. 4. ½. 9. A 12. Mhetale ƒ1. 5 8 r„t 7. Crans. 1721. 1395. 7. 5/8. 3. 2/. 18. 1/0. 1/4. 1/8. 5/6. 12 F: oude Zier. — „ 4. 5. d:t Bogge. 1689. 1068. 6 3/8. 2- 1/. 1. 8 3/¾. 3. 16. 6½. I: oude R „rogge 1685. 1085. 6. 41. 2. 8. 10/4. 8½ 3. 7/8. 6½. 5¾ Crans 1. . —„ 7. ½ „ Jans. 1741. 11530. 6. 1½ 2 1„ 18 8 4 2/8 2/8. 6¾. Notitie 92. —„ 6. 8. 8c —„ 64 —„ 6 ½. 8C:s 86. —„ 6. 7½. &. s —„ —„ 4 41½. 8: 9. zier. — „ 6 7½. &. 89. —„ 6 7/8. 82. 88. —. 6. 8. 8 zier —„ 6. 9. Zier un run 6 e N 18 niets — „ 6. 9. zien Gesohut tot wat S waar Defenrie En geplaalst m 5 N 2 8 4 8 8 6 5 22 5 S. S e 8 5 5 5 e 8 E od 6: P 8 8 5 de d: A Hes 741 etc d 3 8 5 —. —„ —. —. —„ niet te niet zien te niet zien. niet 63. 61: —„ 6: 7½ 94 —„ . 6 8½. —„ niet 112 Hes f N Notitie d'Eden den Bodem v v af te reekenen. op geplaatst. sid kker d zoo tot Parade, als om te Defensie te dienen in tijd van Nood bij Nagt en ontijden, en bij Harm„ 8 sx. 9' rond om het zund ingeroest. vlef s 18 5 e 5 5 3 2 2 83 3 2 E E 67 d s E 5 8 brone ƒƒ 5 ƒ 5 8 28 G 8 9 5 ende 8 - 88 pr: d„n v:s 8:t mn Gmn Jmn gn 9en rb 8 niet niet niet niet 3te te te 31. Ysere. 12. p 3/„s zien, Zien zier Zien 8 35„ 3- 7„ 178 135 50. ¾4. 10½. — 8 353 9: 131 138 1 /8: 18/ 92. —„ 12. 20. —. —. 3 9. —. 12: 23¾ —. —„ —. 8 — 1½. 3 2. 1714. 1 2½. 4 1/8. 2. 10 /8. —„ 117. —. 12. 19. —„ —. —. —. 8— 3 3 5. 172. 1 3/8. 52. ½. 24. gal, eenige Geelter 111. —„ 12. 16: 2 d: —„ —. —. 8 4. 13 41: 17. 131 5. 2. 10½ 5 2 N hier. — „ 41. 4½ &: —. —. 13 1. 6. 12. 4 1235 90: 34 8. 7/8. 7„ —. —. 4. 4½. 8 2 —. —. 124:6 14: 2. 41„ 12/4 1. ¾4 4. 3/8 —. —. 1354. 6. 1. 2 91: 123/¾ 9/6: 3¾: 14. 5/8: — —„ 41. 4½. 8: 1 —. —. 41. 4 1½. 88. —„ —. 130. 6 8/ 2 94„ 124 90: 354„ 18. 88 Houde 8. Mbetale. 6. 6½. 8D. Tremij 1698. 1727. 7- 2. 3. – . „ 13/8. 10. 3/8. ½. 7 1/8. Houde 7. —„ 6. 6½. 8 d=„o Tremij 1682. 1612. 7- 2. 3. 4„ 123 /8. 3/¾ ½. 8½. e Pieter 89 22. —„ 2. 2¼. 8 —. Reest. 172. 161 4. 18. 1. 8. 6 2/8 8. 5 1 Pieter 1772 21. —„ 2. 2/7 8 F: Zeert 172 171 14. /8. ½. 85: 68 2/8 /8. 5. e d 8 8 e 5 5 25 end ƒ 8 g d x v d van de Rheede. e e ƒ 5 8 9 18 Geschutwaar tot wat Defensie 5 5 5 „ 5 ƒ 15 5 3 95 En „ 5 5 eddate. van niet
English
d8 Note The 2 8 Table of Defects from the Base, where Ordnance 8 8 6 3 Jn Car 5 5 6 G e e s 63 F 7 8 5 d Did 8 e 5 trans- fer- @ N N 8 5 8 2 e vs and 68 8 p s 9:n p:l J„r J„r Dk d J„r P: not to be seen 15214. 6 5. 2. 6: 1: 1 /¾4 3/8. 8. 8½. seen Iron 74. &. seen —. —. 2: 7. 8: —. 1536. 6. . 2 5/1 18„ 8 3/4 /8. /8 —„ Nicolaas 15 Metal . 5. D=„s Greeve. 1725. 1792. 8 1 1/. 3 11. 1 1/1. 9. 3/8. 3/8. 5/8. ½ Nicolaas „ 16. —„ 44. 5. 8 Greve. 172. 78. 8. 1 3 1 1/. 4. /3 ½2. 7. 3 2 Fdejong 13: — 41. 51¼ 8 d: enkoon 1724. 10: 7 6. 3. 2: 1/ „ 314 /8. 7. old 17. —„ 2. 9/1: 8 l: Rogge. 185. 92. 5. 5 2. 3/4 90. 7/4 2/8. /4. 5¼. old 16. — „ 2. 2¾ d Rogge. 1685. ƒ 698. 5- 6„ 2. 3 3/4. 98. 7/4. 2 /4. 5/8. 5 ¾. old 15. —. 2. 2¾4. lb. Rogge. 1685. 691 5. 61 2. 3½. 9. 7¼. 23/8. ½. 5½. Renglend 172 418 4 /41 4 8 6 2 /83 5. 17: —. 2: 2: 22/7 ƒ Pieter 20: —„ 2. 24. DC Reet 171. 16 2 1 1:1 /8 86 2 8. 8 8. not not not to be seen. to be seen. 281. 3- 7. 1. 5/8. /. 6. 2 /4. /8. 1 1/8. 5 Pieter „ —. —. 1. 1/7. 85: Zeert. 1765. 240. 3. 4 8/4 1 4. 7/8. 52. 24. /8. 4 1/8. e Pieter — — —: 1. 14: 82: Zeest 15765. 258. 3. 1 1/4 1 14 14. ½. 2/8. 14. 41¼. not not not — „ — „ 1. 1 ¼. to be seen: - to be seen. to be seen . 269. 3. 5¼„ 1 4. 7/8. 50. 1 /8. /8. 4 1/8. —„ —. 283. 3.68 16. /8. 5/6. 0. 8. 1 18. —. — . . — . 270 3 14 1 5 75. /. /. 6. 1 1 1. 114. „ —. —„ 1: 1¼ „ —„ —. 289. 3. 7. 1 /8. 7¼4 5/8. 28. 1/8. 44. 1. 1¼. —„ —. 270. 3. 6. 1. 5/. 7/8. 5 5/8. 2. 5/8. 118. —. 1. p dean aj 1 —. — - 105. 2. 45½ 1.— ¼¾. 5. 3¾. 12. 14. ¼. not 57 —„ —. to be seen 2. r/. — 1. 6½. 45. 2. ½. 3¾. –. 3 7. 1. 15 71¼. 54. 2¾4. ¼4. 4. —. — —. —. 2. 11. 1 5. 7 5½. 2. 4. 4½. – – – – – – – 3– 3. 1–5. 7. 5½. 2. 2. 4. to be seen. — . 1. 1¼. to be seen 8 5 at 4 12. 82: 2 1 Iron 1. —. ½. 2. 1. —. 4. 2. to be deducted Defense for what 3 1a 8 — not W H 8 5 ƒ5 5 g 1 d 3 5 F 8 n 9 3 6d 58 n o mounted. E„. t per 13 do e d A 5 not denagbasscen 1. 2. to be seen 1. —„ —. —. — —„ —„ —. —„ 1. 1¼. to be seen – — 1„ 1 1 1 114 Mortars 6 3 Table of Defects to be deducted the The Ord- for No 58 d 57 and 83 e 5 tr 1861 2 and 8 5 8 8 Howitzers 78 5 g X o 388 5 23 8 6 - p=l 9en gel den 9r Ja mm gen o 17 7 v=t d l 5 2 1o C ee Mortars 8½ Greeve. 1720. 859. 2- 4. 165. 12„ 13½„ 4¼4 3/16. 5/8. Metal. 8. 85 . 57 2 & 8. 83. 24. Greeve. 1720. 859: 2 1„ 15½: 12„ 14: 41: 14: 68: Albert & — „. 6. 68. 7 de Grave„ 1720: 330. 1 10. /8 8 108 3 /6. 1 Albert & de Grave 1720: 328. 1-10 11½. 84: 108: 3¼. 3/16. 4 /¾ —. 6. 68: 4: and Jan 6. 65/8: D:s Brand. 1736. 227. 1 41: 8¼. 8½ 91/8. 3. 14. 118. — Howitzers 48 1. Metal 1. . t Berglard – 201. 1. 62 9. 7½4 3/4 1/ 8. —. &F 2. —. 4 4. R Bargard 1773 — „ 1 - 62 9. 1 7/8. 7 /4. 1/8. 8. „ „—. 54 e 8 8 1t 8 295 — 8 & And ordnance where for what mounted defense 3 3 32 6 3 8 ede 83 Jo 5 „ 1 5 x 5 5 N 1 x 9 8 8 The Residency of Maros d 8 2 o 15 not not not not 7 8 1. Iron 3. 3½. to be seen. C Men d P: Table of Defects ge Note 8 from the Base e deducted 676 the The Ord- 3 nance where the ide 363 o r a d 15 the Elevation 65 ren 8 sv 35 Be 3 8 86 6 p: dn p=l gm J D„ Jn Jn gm emun 5 3. 3¾. 3 — „ 3. 3¾. 4. —„ 3. 33/8 5. —. 3. 3 3/8 —. 6 — „ 3. 3 3/8 —„ 3. 3 3/8. 8. —„ 3. 3¾. —„ 3. 3¾. —. 3. 4½ 11. —„ 3 4¼ The Residency of Saleijer nothing nothing nothing nothing to be seen to be seen. to be seen. 6 - 5. 2. 4 /4. 12¼. 3/8. 35. ½. 7 1/8. — —„ 6 18. 2. 4/68. 11. 10 /4. 3/8. 3/4. 7¾. —. —. — 3. —„ 4. 4 ¾. —„ – . 6. 1 6. 2. 784 18. 18. /3. 3/8. ¾ —. —„ —„ 6. 14. 2. 14„ 116. 14. 3/3. 5/8. 7/8. —„ 6: 15: 2 1„ 18 1/8 1/3 24. 7¾ „ 3. —„ 21. 5 /8. —„ —„ —. 1 —„ 6 4„ 2. 1/„ 158. 16. 3½: 1½. 7 1/8. 5. —„ 4. 5. —„ —— —„ 2. —„ 6 5/8. 4. —„ 6. 7/8. —. 1. Iron ƒ1. 41¼. to be seen the And for what P pd mounted. Defense. ƒ — 9 2. 35. 1¼. 8. 350. 5/8. 7. to be seen. to be seen to be seen. —. 5 — 10. 2. 4 1/½ 1 3/8. 8. 314. 5/8. 5/8. —„ —. —. 5 1 8/2 35 1/8. 8/. /8. 2. 7. —. — 5 1084. 2. 4. 12. 98:. 3. 2/8. 5/8. — . 5 84. 2 3/¾4. 14 8 3/8. 3. ½. ½. „ —. 5 10½. 2. 3½. 11. 84. 24. ½. T. —. —. —. 5. 11. 2. 3½. 12/8. 8. 3. ¾. 7¼. —. —„ —- 5 44 2- 2. 118. 8½ 3. 5/8. 5/8. —. —. —. —. 5. 8. 2. 352. 18. 5/4. 234. 3/8. 5/8. —. —. —. 5 9¼. 2 1„. 10 3/8. 8. 24. /4. 64. —. —: 5 8½. 2. 3. 1 18. 9. 36: 34. 7¼. —„ —: 5 - 8¼4. 2-3. 11½. 9. 27/8. 3/4. ½ „ —„ N to be seen. —„ 2. 2½ 8 –. 41814. 81. 3. 1. 7. 80. 5/8. 2/0. ¾. „ Erans 2. Metal. 3. 3½. /ams. 171. 160. 6 15. 1/ /8 4 /. 8. 4. not N Pieter to be seen. —„ 1. 1/4. 8 p„s o leest. 1765. 257. 3 4/8. 1/4. 1/4. 5. 21/4. 8. 418. Pieter 1. 1¼. 8 d. Klevr 1765. 840. 3. 41: 1 4. 78. 52. 28. /4. 4¼ 12 —„ 3 4. —. — „ —. „ e 8 5 5 3 2 5 3 3 8 15 8 ep Hook x 78 9 5 t A v A g —. —. —„ — „ —„ 2. 7. —. 9. 10. —„ —. — — —„ not 1 1. 6 5 lb 1 8 8
Dutch transcription
d8 Notitie Het 2 8 BBIder Gebreeken van den Bodem, J S waar Geschut 8 8 6 3 Jn Car 5 5 6 G e e s 63 F 7 8 5 d Did 8 e 5 over ge @ N N 8 5 8 2 e vs ende 68 8 p s 9:n p:l J„r J„r Dk d J„r P: nes mes Zier 15214. 6 5. 2. 6: 1: 1 /¾4 3/8. 8. 8½. zier Jsere 74. &. Zier —. —. 2: 7. 8: —. 1536. 6. . 2 5/1 18„ 8 3/4 /8. /8 —„ Nicolaas 15 Melale . 5. D=„s Greeve. 1725. 1792. 8 1 1/. 3 11. 1 1/1. 9. 3/8. 3/8. 5/8. ½ Nicolaas „ 16. —„ 44. 5. 8 Greve. 172. 78. 8. 1 3 1 1/. 4. /3 ½2. 7. 3 2 Fdejong 13: — 41. 51¼ 8 d: enkoon 1724. 10: 7 6. 3. 2: 1/ „ 314 /8. 7. oude 17. —„ 2. 9/1: 8 l: Rrog. 185. 92. 5. 5 2. 3/4 90. 7/4 2/8. /4. 5¼. oude 16. — „ 2. 2¾ d Regge. 1685. ƒ 698. 5- 6„ 2. 3 3/4. 98. 7/4. 2 /4. 5/8. 5 ¾. oude 15. —. 2. 2¾4. lb. Rogge. 1685. 691 5. 61 2. 3½. 9. 7¼. 23/8. ½. 5½. Renglend 172 418 4 /41 4 8 6 2 /83 5. 17: —. 2: 2: 22/7 ƒ Pieter 20: —„ 2. 24. DC Reet 171. 16 2 1 1:1 /8 86 2 8. 8 8. nies nies niet zien. zien. 281. 3- 7. 1. 5/8. /. 6. 2 /4. /8. 1 1/8. 5 Pieter „ —. —. 1. 1/7. 85: Zeert. 1765. 240. 3. 4 8/4 1 4. 7/8. 52. 24. /8. 4 1/8. e Pieter — — —: 1. 14: 82: Zeest 15765. 258. 3. 1 1/4 1 14 14. ½. 2/8. 14. 41¼. niet niet niet — „ — „ 1. 1 ¼. Zien: - Zien. Zien . 269. 3. 5¼„ 1 4. 7/8. 50. 1 /8. /8. 4 1/8. —„ —. 283. 3.68 16. /8. 5/6. 0. 8. 1 18. —. — . . — . 270 3 14 1 5 75. /. /. 6. 1 1 1. 114. „ —. —„ 1: 1¼ „ —„ —. 289. 3. 7. 1 /8. 7¼4 5/8. 28. 1/8. 44. 1. 1¼. —„ —. 270. 3. 6. 1. 5/. 7/8. 5 5/8. 2. 5/8. 118. —. 1. p dean aj 1 —. — - 105. 2. 45½ 1.— ¼¾. 5. 3¾. 12. 14. ¼. niet 57 —„ —. Zien 2. r/. — 1. 6½. 45. 2. ½. 3¾. –. 3 7. 1. 15 71¼. 54. 2¾4. ¼4. 4. —. — —. —. 2. 11. 1 5. 7 5½. 2. 4. 4½. – – – – – – – 3– 3. 1–5. 7. 5½. 2. 2. 4. zien. — . 1. 1¼. Zien 8 5 te 4 12. 82: 2 1 Ysere 1. —. ½. 2. 1. —. 4. 2. af te reeckenen Defensie tot wat 3 1a 8 — niet W H 8 5 ƒ5 5 g 1 d 3 5 F 8 n 9 3 6d 58 n o geplaatst. E„. t per 13 do e d A 5 nies denagbasscen 1. 2. Zien 1. —„ —. —. — —„ —„ —. —„ 1. 1¼. mes – — 1„ 1 1 1 114 Mocdierien 6 3 Bij der Gebreker o erden af te ree kenen dn Het Ge„ tot No 58 d 57 en 83 e 5 tr 1861 2 ende 8 5 8 8 Houwilten 78 5 g X o 388 5 23 8 6 - p=l 9en gel den 9r Ja mm gen o 17 7 v=t d l 5 2 1o C ee Morlieurs 8½ Greeve. 1720. 859. 2- 4. 165. 12„ 13½„ 4¼4 3/16. 5/8. Metale. 8. 85 . 57 2 & 8. 83. 24. Greeve. 1720. 859: 2 1„ 15½: 12„ 14: 41: 14: 68: Albert & — „. 6. 68. 7 de prave„ 1720: 330. 1 10. /8 8 108 3 /6. 1 Albert & de Grave 1720: 328. 1-10 11½. 84: 108: 3¼. 3/16. 4 /¾ —. 6. 68: 4: en Jan 6. 65/8: D:s Brand. 1736. 227. 1 41: 8¼. 8½ 91/8. 3. 14. 118. — Houwvisten 48 1. Mbelale 1. . t Berglard – 201. 1. 62 9. 7½4 3/4 1/ 8. —. &F 2. —. 4 4. R Bargard 1773 — „ 1 - 62 9. 1 7/8. 7 /4. 1/8. 8. „ „—. 54 e 8 8 1t 8 295 — 8 & En frschul waar tot wat op geplaatst defensie 3 3 32 6 3 8 ede 83 Jo 5 „ 1 5 x 5 5 N 1 x 9 8 8 De Residentie Maros d 8 2 o 15 nies niet niet niet 7 8 1. Ysere 3. 3½. zien. C Men d P: der Gebreeken ge Notitie 8 van den Bodem e af gereekent 676 dn Met Ge„ 3 schut waar de ide 363 o r a d 15 den Hef 65 ren 8 sv 35 Be 3 8 86 6 p: dn p=l gm J D„ Jn Jn gm emun 5 3. 3¾. 3 — „ 3. 3¾. 4. —„ 3. 33/8 5. —. 3. 3 3/8 —. 6 — „ 3. 3 3/8 —„ 3. 3 3/8. 8. —„ 3. 3¾. —„ 3. 3¾. —. 3. 4½ 11. —„ 3 4¼ De Residentie Saleijer neets niets niets niets zien zien. zien. 6 - 5. 2. 4 /4. 12¼. 3/8. 35. ½. 7 1/8. — —„ 6 18. 2. 4/68. 11. 10 /4. 3/8. 3/4. 7¾. —. —. — 3. —„ 4. 4 ¾. —„ – . 6. 1 6. 2. 784 18. 18. /3. 3/8. ¾ —. —„ —„ 6. 14. 2. 14„ 116. 14. 3/3. 5/8. 7/8. —„ 6: 15: 2 1„ 18 1/8 1/3 24. 7¾ „ 3. —„ 21. 5 /8. —„ —„ —. 1 —„ 6 4„ 2. 1/„ 158. 16. 3½: 1½. 7 1/8. 5. —„ 4. 5. —„ —— —„ 2. —„ 6 5/8. 4. —„ 6. 7/8. —. 1. Ysere ƒ1. 41¼. Zien d' En tot wat P pd geplaatst. Defensie. ƒ — 9 2. 35. 1¼. 8. 350. 5/8. 7. zier. zien zien. —. 5 — 10. 2. 4 1/½ 1 3/8. 8. 314. 5/8. 5/8. —„ —. —. 5 1 8/2 35 1/8. 8/. /8. 2. 7. —. — 5 1084. 2. 4. 12. 98:. 3. 2/8. 5/8. — . 5 84. 2 3/¾4. 14 8 3/8. 3. ½. ½. „ —. 5 10½. 2. 3½. 11. 84. 24. ½. T. —. —. —. 5. 11. 2. 3½. 12/8. 8. 3. ¾. 7¼. —. —„ —- 5 44 2- 2. 118. 8½ 3. 5/8. 5/8. —. —. —. —. 5. 8. 2. 352. 18. 5/4. 234. 3/8. 5/8. —. —. —. 5 9¼. 2 1„. 10 3/8. 8. 24. /4. 64. —. —: 5 8½. 2. 3. 1 18. 9. 36: 34. 7¼. —„ —: 5 - 8¼4. 2-3. 11½. 9. 27/8. 3/4. ½ „ —„ N zien. —„ 2. 2½ 8 –. 41814. 81. 3. 1. 7. 80. 5/8. 2/0. ¾. „ Erans 2. Mboctal. 3. 3½. /ams. 171. 160. 6 15. 1/ /8 4 /. 8. 4. nies N Pieder zier. —„ 1. 1/4. 8 p„s o leest. 1765. 257. 3 4/8. 1/4. 1/4. 5. 21/4. 8. 418. Pieter 1. 1¼. 8 d. Klevr 1765. 840. 3. 41: 1 4. 78. 52. 28. /4. 4¼ 12 —„ 3 4. —. — „ —. „ e 8 5 5 3 2 5 3 3 8 15 8 ep Hakk x 78 9 5 t A v A g —. —. —„ — „ —„ 2. 7. —. 9. 10. —„ —. — — —„ niet 1 1. 6 5 lb 1 8 8
English
116 The Residency of Boelekomba and Bonthain Note of the defects: to be calculated from the bottom All the artillery and weight, to what [illegible] No 238 etc. f 550 f 23 No. d: 1: not visible - not visible. 7-3. 2. 10. 11 5/8. 112. 3 3/8. ½. 6½. 1. Iron. 6. ½. not visible - not visible. 7-5: 2 144 1 1/8 1½ 4. ½. 6½ 2: —: 6. 7/8. —: —. —: —. 7. 3 2. 1 15 1 ¾. 4. 3/8. ½. 3 — 6. 7. — —. —. — 6 102. 2. 1. 1414. 1½ 14. ½. 7¼. 4. —. 6. 7: — —. —. —. 7 34. 2. 104. 14 1/8. 12. 4. ½. 6. 5. — 6. 7 3/8. —: 7¾ 6 —. 3. 7¾. — —. —. —. 7. 3. 2. 1. 1 5/8. 14. 1. 5/8. ¾. 7: — 6. 7. — —: — — 17. 105 2. 12 1 1 3/8. 4. ½. 6. 8. — 6. 8. — —. —. 7– 5. 3. 9. 1 1/8. 2½. 4. ½. 6. 1. Metal 1. 1¼ — — 277. 3 pcs 164 ½. 68. 21/6. 7/8. 118. 2. — 1. 1¼ —: —. —. 262. 3- 4½ 1. 6/1. ½. 6. 2. ¼. 4 1/8 3. — 1. 1¾ — – 276. 13. 4: 1 64. ½. 5/8. 2/8. 14. 118 4. —. 1. 1¼ — — — 278. 3. 4½ 16. 7½. 5/8 2. ¼. 118. 9. Iron. 6. 7½ — — 1770. 7. 1. 3 — 15. 11½. 4. ½. 6. 10 — 6 7 1/8. - . — 1760. 7.3. 3 — 11½ 14. 4. 3/8. 6. 11. — 6. 7. —. —. —. 180. 6. 1. 3. 1. 11. 1. 4. 1½. 6.¼. 12. —. 6. 7 —. — 1780 7- 4. 3- 2. 15¼. 11½. 11. ¼. 6. 13. —. 6. 7 3/8. — —. — — 1840. 7 4. 3. ½. 152. 11½ 4. ½. 5½ 674 —. 6. 7¾ —. —. —. 1760. 7 4. 3. 1. 58. 112. 4. 7/6. 6½ 15. —. 6. 7. 73 —. —. —. 1765. 7. 3. 2. 9. 18 11½. 4. 26. 6½. 16. 6. 7¾ —. —. —. 1680: 7. 4. 2. 8. 15. 11. 4. ½ 6½ 5: Metal. 1. 1/¼4 —. —. — 293. 3. 4: 4 64 74. 58. 38. 14. 8 /. 6. — 1. 1¼. —. —. — 263. 3. 4½41 54: 7½. 6. 2. ¼. N1/8. 7. — 1. 1/4 — — — 254. 3-9. 1- 6. 7. /8. 2/8. 1¼. 1 1/8. 8. — 1 1 1/8 — —. —. 2419. 3 4½41 64 7½. 58. 2. ¼. 4½. placed per defense The Residency of Bima Note of the artillery and the defects, to what placed defense, to be calculated from the bottom etc. not to be seen, not to be seen, not to be seen, not to be seen 350 1. Iron 4. 1 7/8. not to be seen. 7 . 6. 2. 4/8. 13. 126. 3 5/8. 12. 71/6. 2 — 44: 1 3/4. —. — —. —. 7— 2. 80 4 1/8 28 3/. 3/8. 7 1/8. 3 — 44: 48/4: _: _: _: _: 6: 1: 2 9: 135: 20: 56 /8. 7 3/8 73 4 — 441. 4 3/1. —. —. —. —. 6 418. 2. 18. 135. 11½. 3/8. 3/4. 7 8/8. 5. — 4 5/8: —: — —: —. 6. 10 2 27/ 1356 28: 35. 5/8. 1/8. 6 — 44. 11½ —: —. —. —. 6. 10 2 7/. 12/8. 1. 36. ¼. 3/8. 7 — 41: 4¼ — —. —. — . 6. 16. 2. 8. 13. 124. 3/6. 2. 7/8. 8. — 88. 4 1/4 —. —. — — 6. 6: 12 18 138. 14 3/8. 3/4. 6/8. lb. lb. 118 Company's Vessels Note of the defects, [illegible] artillery, to what [illegible] 7. d sehrus N2 9 ue e 5 /8 true d defense 8:8 Ad. van den Boden 15 8 23 39 placed e E to be settled. 5 2 3 e e 5 3 e the 6 8 per dr per in the in g the gen not Asser 3. 3½. See. See see see. ƒ- 3: 2 2. 12/8. 8/8. 3. ½. 3/8. at —. 5- 3. 2. 2. 12 2/8. 8/8. 3½. ¼. 3/8. —. 3. 3½ — 3. 3½ — — —. —. —. 5. 10. 2. 4. 12. 44. 3¾. 1/84. 3/8. —.. 3. 3¼4 — . -. - —. –. 5 25 2. 2. 12. 4/8. 3. 1/4. 3/8. — 3. 3¼ —. —. —. -. 5 3. 2.2. 12. 9 1/8. 3. 4. 3/8. —. 5- 3. 2. 2. 12. /8. 3. 1/1. 5/8. —. 3. 3¼ —— —. —. —. 3 3¼ — — —. — 5. 3. 2-2. 12. 4/. 3. ¼. 5/8. —. —. —. 5. 3. 2. 2. 12 9 1/8. 3. ¼. 3/8. —. 3. 3¼ — 1. 1¼. — -. 256. 3 5. 16. 8 56: 2. /8. 14 /¾ - & 1. 1/1. s: – - 258. 3 5. 15 88. 5/6. 20. ƒ/8. 11¾. 85: — 268. 3 4 1– 7/8. 8. 5 5/8. 2/8. /8. 111. —. 1. 1¼ A s —. —: 266. 3. 5. 15. 8. 5/8. 28. /8. 1¾. 1. 1¼. See. —. —. 260. 3. 5 1. 5: 8/8. 6. 2¼. 1/8. 1¾. 1. 1¼. 7 —. —. 252. 3. 6. 1 5. 8/8: 5/8. 24 18: 1½ —. 1. 1¼ 21 /7. 1. 14: 1½ — — 262. 3. 6 15: 80. 5/8: 24. 1/8. 1½ N 1. 1¼ 8: – — 264. 3. 47½1. 7. 8. 64. 214. 8. 1½ not —- — 2416:35: 1— 5. 74. 54. 24. 1/8. 1½. —. 1. 1/4. Sick —. —. 26. 3. 45417. 8. 54 24. 8. 1 —. 1. 1¼ — —. —. 264. 3. 515. 8. 6. 28. /8. 1 ¾. —. 1. 1¼. —. —. 1. 1. /¾. — . —. —. —. 202. 3 5. 15. 8. 54. 24. 18. 1½. —. —. 2 and 5 W # 5 5 e 8 8 ƒ — — — A s e 5 ditto 15 d 55 Note d6 sd placed. The at 13C J J. . J. PP : 8 s In end N 8 3 etc. 5 t5 6 o. 8 700 p Per Defects further to Artillery vr S true van den Boeden Ae Defense N 3 ƒ to be deducted. 38 5 some ge gen gen Cn gn d. not not not not at at at Ass0r. 2. 3 zer See See ier 4 1 14 2: 18 —. —. —. . 4: 14.180. 1814. 8. 3. ¾: 6: —. —. —: 4 4: 19: 10: 14: 3. ¾. 6. - —. —. 4 4. 14. 11. 8. 3. ¼. 6. — - —: –– – 44 81: 1: 11 10. 713 3 ¼. 6. — — 444: 18 10: 714: 2:6. 1/4. 6. — —. 2. 2½ —: —: — — 4: 41: 14: 104: 7. 25: 14 6: — 2. 2½ — -- — — 44:4:10: 10: 7 /4 3. 4: 6. — 2. 2½ _ _ _ —. —. A4 4. 4. 10. 10. 8: 3. ¼4. 6. —. 2. 2½ — —. —. — 4. 4. 1. 1. 10: 74. 3. ¾. 6 the swivel 1. ¼4 — . — — — - 3:10:17¼. 8. 5½ 2. 1/8. 11½. – . — — 3 4:171: 8: 54 2½ 1/8. d 2 - 1. 1¼ —. —. —. —. 3. 182½ 1. 7. 8. 53. 2. 1/8. 4. —. 1.1¼4: _: _: _: _: 13: 11. 8. 8. 54. 2. 1/8. 4. —. 1. 1 1/1. —. —. —. — 3. 10½ 1. 8. 8. 5½ 2¼ 1/8. 4. —. 1. 1 /14. —. — —. —. 3 1: 171¼ 8. 5. 2 1/8. 4. —. 1. 1 /8 — — — 3 18:1 7/½ 8. 15 4 24 1/8. 4 ƒ —: 1: 1¼ —: — : —: _: 3:10:114: 8: 5: 2: 18: 4 5 —. 2. 2½ —. 2. 2½ 2. 2½ bases 3 8 ƒ W d 9 — ren e 1 85 8 ƒ 38 1 And the 8 made e d ƒ 6 5 – 1. 1¼ —. Eye 2 22½ —. 2. 2¼ —.
Dutch transcription
116 De Residentie Boelcombe- en Bonthijn v 5 l: 4 Notitie der Gebreeken: J van den Boelem af te reekenen Ael Gerefpe En swaar ge„ tot wat — 5 ven 55 9 2 5 ƒ 8 5 5 e No 238 8 5 20 re 2 ed 28 sie 8 etc d o d Cs 53 E 35 /8 S8 5 e 3 ƒ 5 2 ƒ ƒ 550 26 3 de ps J e 3 68 ende ƒ23 8 5 Jm D m jn G=t om jekoge gr 9 N„o d: 1: niet niet niet zien - zien. 7-3. 2. 10. 11 5/8. 112. 33/8. ½. 6½. 1. Ysere. 6. ½. zien. zun —„ —. —. 7— 5: 2 144 1 1/8 1½ 4. ½. 6½ 2: —: 6. 7/8. —: —. —: —. 7. 3„ 2. 1„ 15„ 1 ¾. 4. 3/8. ½. 3 —„ 6. 7. —„ 4. —. 6. 7: —„ —. —. —„ 6 102. 2. 1. 1414. 1½ 14. ½. 7¼. 5. —„ 6. 7 3/8. —: —. —. —. 7 34. 2. 104. 14 1/8. 12. 4. ½. 6. 7¾ 6 —. 3. 7¾. —„ —. —. —. 7. 3. 2. 1. 1 5/8. 14. 1. 5/8. ¾. 7: —„ 6. 7. — —: —„ —„ 17. 105„ 2. 12„ 1„ 1 3/8. 4. ½. 6. 8. —„ 6. 8. —„ —. „ —. 7– 5. 3. 9. 1 1/8. 2½. 4. ½. 6. —„ 1. Metale 1. 1¼ —. —„ 277. 3 p„s 164 ½. 68. 21/6. 7/8. 118. — „ 2. —„ 1. 1¼ —: —. „ —. 262. 3- 4½ 1. 6/1. ½. 6. 2. ¼. 4 1/8 3. —„ 1. 1¾ —„ –„ 276. 13. 4: 1 64. ½. 5/8. 2/8. 14. 118 —„ 4. —. 1. 1¼ —. — — 278. 3. 4½ 16. 7½. 5/8 2. ¼. 118. „ 9. Ysere. 6. 7½ —. — „ 1770. 7. 1. 3 —„ 15. 11½. 4. ½. 6. —„ 10 —„ 6 7 1/8. - . — „ 1760. 7.3. 3 — „ 11½ 14. 4. 3/8. 6. —„ 11. —„ 6. 7. —. —. —. 180. 6. 1. 3. 1. 11. 1. 4. 1½. 6.¼. 12. —. 6. 7 —. — 1780 7- 4. 3- 2. 15¼. 11½. 11. ¼. 6. „ 13. —. 6. 7 3/8. —„ —. — — 1840. 7 4. 3. ½. 152. 11½ 4. ½. 5½ —. —. —. 1760. 7 4. 3. 1. 58. 112. 4. 7/6. 6½ 674 —. 6. 7¾ —. —. —. 1765. 7. 3. 2. 9. 18„ 11½. 4. 26. 6½. 15. —. 6. 7. 73 —. —. —. 1680: 7. 4. 2. 8. 15. 11. 4. ½ 6½ 16. 6. 7¾ —. —. — 293. 3. 4: 4 64 74. 58. 38. 14. 8 /. 5: Mbetale. 1. 1/¼4 6. — „ 1. 1¼. —. —. — „ 263. 3. 4½41 54: 7½. 6. 2. ¼. N1/8. 7. — „ 1. 1/4 —„ — „ — „ 254. 3-9. 1- 6. 7. /8. 2/8. 1¼. 1 1/8. 8. —„ 1 1 1/8 —„ —. —. 2419. 3 4½41 64 7½. 58. 2. ¼. 4½. g e p„r platst. desenvie 23 53 niet 57 5 5 5 e 55 d 2 3 ed 1 A 58 8 ƒ e 2 e 58 8 5 5 d De Residentie Bima P6 ƒ /48 2 ed e 18 e En Het Ge„ 62 den 115 3 2 8 Notitie 5 2 Tschut waar tot wat Cs 69 8 8 3 3p 9 d Beeeer Gebreeken e Ee geplaatst. Pefensie 89 5 t 8 g5 e s 5 87 ede J van den Bodem 53 d 3 S 5 3 e 3 e 3 af te reekenen 8 end 8 5 15 3 8 de S 8 5 etc. 3 33 E 8 6 9 — p s d„n p.=s g„r gux cna gr gen gen 9 niet nies niet nies te te te te. 350 1. YJsere 4. 17/8. Zier Zien. Zier Vier . 7 . 6. 2. 4/8. 13. 126. 3 5/8. 12. 71/6. 2 — „ 44: 1 3/4. —. —„ —. —. 7— 2. 80 4 1/8 28 3/. 3/8. 7 1/8. 3 — 44: 48/4: _: _: _: _: 6: 1: 2 9:„ 135:„ 20: 56 /8. 7 3/8 73 4 — „ 441. 4 3/1. —. —. —. —. 6 418. 2. 18. 135. 11½. 3/8. 3/4. 7 8/8. 5. —„ 4 5/8: —: — —: —. 6. 10 2 27/ 1356 28: 35. 5/8. 1/8. 6 —„ 44. 11½ —: —. —. —. 6. 10 2 7/. 12/8. 1. 36. ¼. 3/8. 7 —„ 41: 4¼ —„ —. —. — . 6. 16. 2. 8„. 13. 124. 3/6. 2. 7/8. 8. —„ 88. 4 1/4 —. —. —„ —„ 6. 6: 12 18 138. 14 3/8. 3/4. 6/8. 0 nde ende 6 15 5 5 5 8 e „ lb. lb. N - ed d:o .. 5 d 118 Comp=s Vaartuijgen 6 niet man ƒ 6 8 & 163 ƒ Boo0r ede e 5 5 P En ec Notitie H. lot Go nu 1 38 4 8 5 3½ dder Gebreeken Per tot was E 7. d sehrus N2 9 ue e 5 „ /8 waar d defensie 8:8 Ad. van den Boden 15 8 23 39 geplaatst e E af te reekenen. 5 2 3 e e 5 3 e de 6 8 „ p=r d:r por Jn da Jn g„ de gen nie Assere 3. 3½. Zier. Zier zier zien. ƒ- 3: 2 2. 12/8. 8/8. 3. ½. 3/8. te —. 5- 3. 2. 2. 12 2/8. 8/8. 3½. ¼. 3/8. —. 3. 3½ „ — „— — 3. 3½ — — —. —. —. 5. 10. 2. 4. 12. 44. 3¾. 1/84. 3/8. —.. 3. 3¼4 — „. -. - —. –. 5 25 2. 2. 12. 4/8. 3. 1/4. 3/8. —„ 3. 3¼ —. —. —. -. 5 3. 2.2. 12. 9 1/8. 3. 4. 3/8. —. 5- 3. 2. 2. 12. /8. 3. 1/1. 5/8. —. 3. 3¼ —— —. —. —. 3 3¼ —„ — „ —. —„ 5. 3. 2-2. 12. 4/. 3. ¼. 5/8. —. —. —. 5. 3. 2. 2. 12 9 1/8. 3. ¼. 3/8. —. 3. 3¼ „ —„ 1. 1¼. — -. 256. 3 5. 16. 8„ 56: 2. /8. 14 /¾ - & 1. 1/1. „s: – - 258. 3 5. 15 88. 5/6. 20. ƒ/8. 11¾. 85: —„ — „ 268. 3 4 1– 7/8. 8. 5 5/8. 2/8. /8. 111. —. 1. 1¼ A s —. —: 266. 3. 5. 15. 8. 5/8. 28. /8. 1¾. 1. 1¼. Zier. —. —. 260. 3. 5„ 1. 5: 8/8. 6. 2¼. 1/8. 1¾. 1. 1¼. 7„ —. —. 252. 3. 6. 1 5. 8/8: 5/8. 24„ 18: 1½ —. 1. 1¼ 21 /7. 1. 14: 1½ —„ — 262. 3. 6 15: 80. 5/8: 24. 1/8. 1½ N 1. 1¼ 8: – „ — 264. 3. 47½1. 7. 8. 64. 214. 8. 1½ nies —- — 2416:35: 1— 5. 74. 54. 24. 1/8. 1½. —. 1. 1/4. Ziek —. —. 26. 3. 45417. 8. 54 24. 8. 1 —. 1. 1¼ —„ —. —. 264. 3. 515. 8. 6. 28. /8. 1 ¾. —. 1. 1¼. —. —. 1. 1. /¾. — . —. —. —. 202. 3 5. 15. 8. 54. 24. 18. 1½. —. —. 2 en 5 W # 5 5 e 8 8 ƒ — — — A s e 5 do 15 d 55 Notitie d6 sd geplaatst. Het te 13C J J. . J. PP : 8 s Jn end N 8 3 etc. 5 t5 6 o. 8 700 p Pder Gebreeken tot vort Geschut vr S waar van den Boeden Ae„ Defensie N 3 ƒ d' af te reekenen. 38 5 somplgen ge gen gen Cn gn d. nies niet niet niet te te te Ass0r. 2. 3„ zer Zien Zien ier 4 1 14 2: 18 —. —. —. . 4: 14.180. 1814. 8. 3. ¾: 6: —. —. —: 4 4: 19: 10: 14: 3. ¾. 6. - —. —. 4 4. 14. 11. 8. 3. ¼. 6. — - —: –– – 44 81: 1: 11 10. 713 3 ¼. 6. — — 444: 18„ 10: 714: 2:6. 1/4. 6. — —. 2. 2½ —: —: — — 4: 41: 14: 104: 7. 25: 14 6: — 2. 2½ — -- — — 44:4:10: 10: 7 /4 3. 4: 6. — 2. 2½ _ _ _ —. —. A4 4. 4. 10. 10. 8: 3. ¼4. 6. —. 2. 2½ —„ —. —. — 4. 4. 1. 1. 10: 74. 3. ¾. 6 d' draij 1. ¼4 — . — — — „ - 3:10:17¼. 8. 5½ 2. 1/8. 11½. – . — — 3 4:171: 8: 54 2½ 1/8. d 2 - 1. 1¼ —. —. —. —. 3. 182½ 1. 7. 8. 53. 2. 1/8. 4. —. 1.1¼4: _: _: _: _: 13: 11. 8. 8. 54„. 2. 1/8. 4. —. 1. 1 1/1. —. —. —. — 3. 10½ 1. 8. 8. 5½ 2¼ 1/8. 4. —. 1. 1 /14. —. — „ —. —. 3 1: 171¼„ 8. 5. 2 1/8. 4. —. 1. 1 /8 —„ —„ —„ 3 18:1 7/½ 8. 15 4 24 1/8. 4 ƒ —: 1: 1¼ —: — : —: _: 3:10:114: 8: 5: 2: 18: 4 5 —. 2. 2½ „ —. 2. 2½ „ „ 2. 2½ bassen 3 8 ƒ W d 9 — ren e 1 85 8 ƒ 38 1 En de 8 angema e d ƒ 6 5 – „ 1. 1¼ —. O0g 2 22½ —. 2. 2¼ —.
English
120 29 Note of the artillery, for what defense positioned, the defects, to be deducted from the base: [illegible] 1. Iron 1. 1½ to see to see 3 —½. 1 7½ 5. 2¼ 1/8. 4½ 1. 1½ – – – – – – –. 3 –½ 15. 7½ 5. 2¼ 8. 4½ 1. 1½ —. —. 3. ½. 1. 5 7½. 5. 24. 18: 4½ 4 – 1. 1½. — - —. —. 3 ¼. 1 5. 7½ 5. 2¼. 18. 4½ 1 — 223. etc. - 3. 11. 1. 9. 4½. 7½. 3. ¼. 6. 2. 2½. 8b 3- 11. 19. 4½. 7½. 3. ¼ 6. 3 — 2 2½. etc: 3. 11. 1.9. 8½. ½. 3. ¼. 6. 4 — 2 2d Lin. 3. 11. 19. 9½. 7½. 3. ¼. 6. 5 — 2. 23 3. 11. 1-9. 4½. 7½. 3. 4. 6. 6 — 2. 2½ 3- 1. 1-9. 9½ 7½. 3 ¼. 6. 6. 3- 4. 19. 9½. 7¼. 3. /¾. 6. 7 — 2. 23 3. 1. 1. 9. 4/½. 1½. 3. 1/4. 6. 8. — 2 23 212. 3 7½1 —7. 6½. 54. 2. 78. 4. 5 1. — . 14 2: 224. 3. /4. 1 1. 14. 2. 16. 15. 2 —. 1. 1. 234: 3:—: 1 4: 716: 614. 2. 1/8. 4 1/3 3. — 1. 1¼. ditto 224. 2 72. 1. ¼4 ¼. . 2. 1/8. 1. 41 — 1. 1½ 12. 841. 5. 4. 2. 5. 11. 9. 3. 1/7. 7. 1 — 3. 3½. p 838. 5. 4. 2. 5. 11. 9. 3. 1/1. 7. 2 — 3. 3½ 844. 5. 4. 2. 5. 11. 9. 3. 7. 7. 3 — 3. 3½ 838. 5. 4: 2.5. 11: 9. 3. ½. 7. 11. —. 33½ 838. 5. 4. 2. 5. 11. 9. 3 1/7. 8 5. — 3. 3½ lb 814: 5: 4 2. 5. 11. 9. 3. ½. 7. 6. -. p. 3½ 841. 5. 4. 2 5. 11. 9. 3. 3/8. 7. 3. 3½ 838: 5 — 25: 11. 9: 3. ¼. 7. 18. 1 3. 3¾ lb to be deducted. [illegible] Note of the defects to be deducted from the base: 1 Iron. 3. 3½ to see to see 824 11. 14 2 3/½ 1 1/3. 8 /8. 3. 7. 7. 2. — 3. 3½ 830. 4 1 2. 3/½ 10 1/. 8 1/3. 3. 17. 7. 3. 3½. p 8 14 4 1. 2 3. 15 8. /13. 7. 3. 3½. 80. 4 42 3: 1: 8 1. 7. 7 836 44 114. 2 3/1 13. 8/3. 3. 7. 840. 4 1 2. 34 1 1/8 /8. 3. 7. 7. . 82: 1:12 35:18 3 14. 7. 7 — 3. 3½ 84: 14 2 5:1: 8 3 1. 7. 8: — 3. 3½ p 1 — 1. 1¼. to see 3 . 5. 1. 8. 8. /14. 13. 1/8. 4 1/8. 2 —. 1. 1¼. 1. 3. 5. 16. 8. 64. 13. 18. 1 1/8. 3 — 1. 1/½ 13: 3. 6. 16. 8. 64. 16. 1/8. 15. 4 — 1. 1¼. 1. 3. 5. 16. 8. 6 16: 10: 1½ 5 — - 3. 3½ 9. — 3. 3½ nothing nothing nothing Bronze 6 pieces 1. ¼. to see very to see. 3. 7. 1. 3/½. 71/¼4. 54. 2½: 1/4: 140. Iron. 4 pieces 1. 1 ¼. 3. 10. 1. 8. 8. 5½. 2. 14. 4. 1. —. 1. 1 3 10. 1 8. 8. 54. 2 /8. 12. — 14. 1¼ 3814: 15: 1½: 58: 14 1/8. 4. Macassar in Castle Rotterdam, the last of August 1788: Artillery, for what defense positioned. J: V Horcht [illegible] 122-123 Short Summary of such ammunition as are actually present under this Government with its subordinate Residencies and vessels, on today's date, namely: Iron Cannons. Bronze swivel guns. Bronze swivel guns. Iron Cannons. Gunpowder. Round shot. Pounds. 573 11 1/16. Of . . . . 18. 2. 37. 2. ditto 12. 7. 18. — ditto 8. 26 ditto 6: 4. — ditto 4. 10. — ditto 3 2. 38. — ditto 2 4. 3/. — ditto 1. —. 6. 16. -. ditto 3/4. 2. 20. —. ditto ½ 3 2758 2. ditto Bronze Howitzers, Iron swivel guns, Iron balls, Mortars, Bronze mortars, Mortar shells filled, Iron hand grenades, Empty and filled hand grenades, Grapeshot in bags, Grapeshot in canisters, Loose grapeshot of 6 to 8 pounds, Long iron shot. 8732. 2 23285. 5. 12. 260. 1707. 318. 3133. 2780. 87 869. 192. Macassar in Castle Rotterdam, the last day of August 1788. D: D Abrecht Short strength of the Artillerymen under the command of this Castle, as well as detached to outer posts, as follows: Bombardiers, Head pyrotechnician, Whole gunners, Ordinary gunners. In this Castle 1. 12. 10. 1. 1. 1. At Boelecomba and Bonthain 1. 5 Residency Maros. . . . 1. 1. The Garrison on Bima 1. 1. Fortress on Saleyer 2. 2. 1. Redoubt De Waeksamheid. Total. 2. 18. 22. 1. 1. 2 1. 3. Macassar in Castle Rotterdam, last day of August 1788. D: V Htrece 1241 [illegible] No. 4. Register of papers which are being dispatched by the Company's ship Jagtrust To His High Nobility The High Noble, Right Honorable, Far-Ruling Lord Mr Willem Arnold Alting Governor General Together with The Honorable Gentlemen Councillors of the Netherlands Indies No. 1 Original Separate Letter from the Chief to Their High Nobilities No. 2 Copy of Letters and Extracts written by the Ensign Commandant Daal, Lieutenant at Sea Jacob Grijzen, and Quartermaster Snijders to the undersigned No. 9 Extract from a Letter written by Ensign Smit to the undersigned No. 4 Two Copies of Letters written in Malay from the Banjarese Prince to the Undersigned In the Post Banjermassing Palace, the 31st of October in the year 1788 E: Hoffman 125 [illegible]
Dutch transcription
120 29 Notitie ed 5 Het tot wat Geschul waar De fersu geplaatst. niet e d der Gebreeken e um van den Bodem 5 6 op 5 3 169 e 1 e e 6 ende boe 65 P v No6 2t t p un v N 8 W pina 6 d P 8 5 8 18 3 3 7 8 E e E 8 8 e G 8 de 5 .5 D. 3 d 9 76 8 ddD 8 8 78 P — 3 nies niet me d=r d„r p:t d„m g=m gu gen gn gu d d g g 1. Ysere 1. 1½ zien zien v lier zien. 3 —½. 1 7½ 5. 2¼ 1/8. 4½ 1. 1½ – – – – – – –. 3 –½ 15. 7½ 5. 2¼ 8. 4½ — „ „ 1. 1½ — — —. —. 3. ½. 1. 5 7½. 5. 24. 18: 4½ — 4 – „ 1. 1½. —„ — - —. —. 3 ¼. 1 5. 7½ 5. 2¼. 18. 4½ 1 — „ 223. &c. —„ —. - 3. 11. 1. 9. 4½. 7½. 3. ¼. 6. —„ —. 3- 11. 19. 4½. 7½. 3. ¼ 6. 2. 2½. 8b 2 3 —„ 2 2½. &c: —„ 3. 11. 1.9. 8½. ½. 3. ¼. 6. „— niet 4 — „ 2 2d Lin. —. — - —. 3. 11. 19. 9½. 7½. 3. ¼. 6. 5 — „ 2. 23 — „ – „ - - - „ 3. 11. 1-9. 4½. 7½. 3. 4. 6. 6 —„ 2. 2½ — -. 3- 1. 1-9. 9½ 7½. 3 ¼. 6. —— —. 6. — — —„ —. 3- 4. 19. 9½. 7¼. 3. /¾. 7 —„ 2. 23 — „ 7 8. — „ 2 23 —. „ . —. —„ —. 3. 1. 1. 9. 4/½. 1½. 3. 1/4. 6. 5 1. — . „. 14 2: —„ —„ 212. 3 7½1 —7. 6½. 54. 2. 78. 4. 2 —. 1. 1. –. 224. 3. /4. 1 1. 14. 2. 16. 15. — „ —. e 3. —„ 1. 1¼. D. —. 234: 3:—: 1 4: 716: 614. 2. 1/8. 4 1/3 —- 41 —„ 1. 1½ 12. —„ —. 224. 2 72. 1. ¼4 ¼. . 2. 1/8. 1. 841. 5. 4. 2. 5. 11. 9. 3. 1/7. 7. 1 —„ 3. 3½. p & 2 —„ 3. 3½ — „ 838. 5. 4. 2. 5. 11. 9. 3. 1/1. 7. F. een 3 — „ 3. 3½ -„ 844. 5. 4. 2. 5. 11. 9. 3. 7. 7. „ l e #8 11. —. 33½ 7. —. —. 838. 5. 4: 2.5. 11: 9. 3. ½. ƒ 49 7. 5. — „ 3. 3½ lb —„ —„ 838. 5. 4. 2. 5. 11. 9. 3 1/7. 8 —: — „ 814: 5: 4 2. 5. 11. 9. 3. ½. 7. 6. -. p. 3½ 6 85 3. 3½ 7. E —. — 841. 5. 4. 2 5. 11. 9. 3. 3/8. 7. 25 —. 838: 5 —„ 25: 11. 9: 3. ¼. 7. 18. 1 3. 3¾ lb - 1 — 108 8 e af te reekenen. 2 3 — E E van p 5 2 3 5 5 33 70. 7 6 ƒ55 es 5 : 5 8 83 5 3 ƒ E 68 c 8 E E ƒ En e do N d de ende O l d — 8 e e 3 de Notitie. J o he 8: 2 5 140 daf der Gebreeken d. ende e p Non de ge ver6 R P van den Bodem Pr sv 2 ses 2 N af te reekenen 5 5 75 88 ec ge 9 No 3 wed S:5 98 5 668 2 88 6 6 ps gengsgen ge gen Cen gen gen g mis niet 1 Ysere. 3. 3½ t„ zien. Zien 824 11. 14 2 3/½ 1 1/3. 8 /8. 3. 7. 7. 2. —„ 3. 3½ —. 830. 4 1„ 2. 3/½ 10 1/. 8 1/3. 3. 17. 7. H 3. 3½. p —. . 8 14 4 1. 2 3. 15 8. /13. 7. 1 3. 3½. – . — . 80. 4 42 3: 1: 8 1. 7. B: 7 836 44 114. 2 3/1 13. 8/3. 3. 7. H t „ 840. 4 1 2. 34„ 1 1/8 /8. 3. 7. 7. E E . 82: 1:12 35:18 3 14. 7. 7 —„ 3. 3½ E: 8: —„ 3. 3½ p —. 84: 14 2 5:1: 8 3 1. 7. —— nies 1 —„ 1. 1¼. —. —: —. zier. 3 . 5. 1. 8. 8. /14. 13. 1/8. 4 1/8. 2 —. 1. 1¼. 1. —. —. —. 3. 5. 16. 8. 64. 13. 18. 1 1/8. —„ 1. 1/½ 13: —„ — - —. 3. 6. 16. 8. 64. 16. 1/8. 15. 3 —„ —. —. 3. 5. 16. 8. 6„ 16: 10: 1½ 4 —„ 1. 1¼. 1. 5 — - 3. 3½ 9. —„ 3. 3½ niets niets niets Melalie te te 6 ps 1. ¼. zien zeer zien. - 3. 7. 1. 3/½. 71/¼4. 54. 2½: 1/4: 140. Ysere. 4 p:s 1. 1 ¼. — „ —. —. —. 3. 10. 1. 8. 8. 5½. 2. 14. 4. 1. —. 1. 1„ —. -. -. „ -. 3 10. 1 8. 8. 54. 2 /8. 12. —„ 14. 1¼ —. —. —. —. 3814: 15: 1½: 58: 14 1/8. 4. Maccasser in 't Casteel Rotterdam ultimo Augustus 1788: 55 do Geschut tot wat- de waar defensie geplaatst. J: V Horaht 4 121 3 8 5 G: W: 3 4 v N 8 1 15 ƒ5 /5 3 dr d d d d Met En 68 F ve 2 D 68 & en x 58 r se 556 draage P F 5 5 185 122 Korto Sament Van zodaanige Amunitie, als onderheedigen Aatum, ten de onderhoorige Presidentien en Vaar te vinden zijn, Ysere Metalle Metalle Isere rond Canons. passen. Buis kruid. bassen Canons. scherp. E Ponden. 573 11 1/16. 2. „ - - - „ 37. 2. - -- Maccasser in 't Cat 7. 18. — 26 - — 4. — 10. — 2. 38. — 4. 3/. — 6. 16. -. 2. 20. —. - 2758 Van. . . . 18. 2. „. 12. _o 8. 6: _o —. _o - - - 4. —. 3 - e 2 _o -. 1. —. _o 3/4. —. _o _ . - ½ 3 - —. - - —. — — : — 2. d=o 123 kkingen Gouvernemente met uigen, in waare weezen mentlijk: Met alle ipsere: Metalle YJserehand Bommen mortieris gra: brand handgra= Looze Ysere lang Lig 9 7 kogels naten te druijven druijven Houwisten bass soogels, Mortiers mortiers. gevulde. naden er scherp. Kogel Gt gra van A d„m binnen ledige dige en gevulde in Z=t. in Z. van 6ad van - 1 8732. 2 23285. 5. 12. 260. 1707. 318. 3133. 2780. 87 869. 192. tiel Rotterdam Adij ult:o Augustus 1788. D: D Abrecht O . - - soo hier ten deezen Casteel, als op buiten Comptoiren, be„ Korte Sterkte der Arthilleristen onder retto dezes Bombardiers. hieter. heele vuurwerker. banoniers ordinaire Pos f 1 q g d 1. 12. 10. 1. In deezen Casteel 1. 1. op Boelecomba en Bonthain - - „ — 1. 5 „ Residentie Maros. . . . - 1. 1. „ de Bezetting op Bimo 1. 1. „ „ Vesting op Zaleijer 2. 2. 1. „ „ Veldschans de Waeksamheid. - - = 2. 18. 22. 1. 1. Somma. 2 1. 3. Maccasser in 't Casteel Rotterdam uitto Augustus 1788. Cas scheijden zijn, als: Dl: V Htrece 1241 6 fair pv „ — — — — — — — - No. 4. Register der Papieren de„ „welke versonden werden P=r 's Comps schip Iagtrust Aen zijn Hoog Edelheid Den Hoog Ed: Hoog Agtb=re Weid gebiedenden Heer Mr Willem Arnold Alting Gouverneur Generaal Neevens De Wel Edele Heeren Raaden van Neederlands India N=o 1 Origineel Aparte Briev van het Opperhoofd aen Hunne Hoog Edelheedens _ „ 2 Copij Brieven en Extracten geschreeven van den Vaend: Commandant Daal, Lieut ter Zee Iacob Grijzen, en den Quartiermeester Snijders aen den ondergeteekenden _„o„ 9 Extract uit een Brief geschreeven van den Vaend: Smit aen den ondergeteekenden — „ 4 Twee Copij Brieven in 't maleijs geschreeven van den Banjerschen Vorst aen den Ondergeteekenden In 'T Contoir Banjermassing Pales den 31 October anno. 1788 titie E: Hoffman 125 retie
English
No. 2 No. 4. 126 Extract from a letter written by Ensign Daal to the Chief C: Hoffman, dated Tabben Jouw, 12 Junij 1788. I have to inform Your Esteemed Honour in haste that the galley with the Trauwmaijang engaged in combat with many vessels this afternoon and is still fighting up to now—it is seven o'clock. According to the patrols that were sent out, the vessels are countless. I most humbly request relief, and from Tatas still the cartridge paper that was requested but not yet received. I also request fine powder. The galley has taken to flight. I do not doubt that they will be here tomorrow. My entrenchments are so far ready, and I shall do my utmost to resist them. Further extract from another letter from the same, dated Tabben Jous, 18 Junij 1788. Just received Your Esteemed Honour's respected letter, and this serves as an answer: that tonight we fought here from 9 to one o'clock against some vessels at sea, Mr. Grijsen also, and the pantjalling De Peeperboom arrived here in the roads on the 17th, which also fought along, but in the morning no enemy vessels were to be seen anymore, and I do not doubt that they will not return here. Extract from a letter written by the Naval Lieutenant Jacob Grijsen to the Chief C: Hoffman, dated in the Roads of Tabbenjouw aboard the galliot De Draak, 19 Junij 1788. This serves for Your Honour's information that in the evening at half past nine, with the departure of the Peeperboom, having departed about 1/4 mile from the roads around the west-south-west, I engaged in combat, whereupon I weighed my anchor and followed him to assist him; and the Commander gave steady fire from the shore around the south-west, and I steadily seconded the pantjalling with the 6 lb cannons from the front, and steadily fired along the beach with the swivel guns, and pursued the 2 large vessels that were steering along the shore to the south, until at night at half past twelve at the height of Pongij Tanbangan it became dead calm, and I immediately anchored in 3 1/2 fathoms of water. In the morning at sunrise I kept watch from the main top, but observed nothing more. The half of the forenoon it was dead calm, and in the afternoon at 1 o'clock I steered toward Tabbenjouw to ascertain how matters stood there. Extract from a letter written by Quartermaster I:s Snijders to the Chief C: Hoffman, dated aboard the pantjalling De Peeperboom cruising before the Great River between the east and west point, 24 Junij 1788. I have the honour to inform and report to Your Esteemed Honour that on the 17th of this month at 12 o'clock noon I arrived in the roads of Tabbenjouw, and having received our departure that same evening at 5 o'clock to cruise before the River of Banjer, we were forced to remain lying due to calm until nine o'clock in the evening, when we got a north-north-east wind; and since we had seen some vessels around the east and close inshore in the afternoon without being able to identify what they were, we weighed our anchor and stood to the south-west. At half past nine o'clock we saw five vessels close to the first point east of Tabbenjouw. We fired 2 blank shots, but seeing that they ran even closer inshore, we consequently fired firmly at them with live shot, and fire was also given at them from the shore, and the galley also weighed its anchors and came toward us, and we subsequently fired steadily upon them until night at one to 2 o'clock, after which they fled, and we saw that they were five large sampans and probably heavily manned. But since they were close inshore and rowed hard, we could not overtake them, since it became calm; we subsequently anchored and kept sharp watch with primed guns. We then saw two more vessels in the south-south-east, but could not identify them, and since it was calm we remained lying at anchor. In the morning, being the 18th, at sunrise we kept watch but saw nothing, so that we do not know where they have gone. Having further checked our ammunition, we found that we had expended 179 1/2 lb of powder, namely: 2 blank shots at 2 lb; 90 ditto with round shot at 2 lb; 27 ditto with bar shot at 2 lb; further 32 ditto with grape shot at 2 lb; and 12 ditto with round shot at 1 lb; 10 ditto with bar shot at 1 lb; 14 ditto with grape shot at 1 lb; along with 10 1/2 lb of powder for priming and the blunderbusses. No. 3. 130 No. 4. Extract from a letter written by Ensign Smits to the Chief C: Hoffman, dated Sampit, 10 August 1788. Regarding the mountain named Goenoog Kakkie: there are indeed stones there, yet no diamonds. But Ingebij Alli of Mandavie went to the mountain and brought some of the so-called diamond stones and gave some to me, which Your Honour receives to inspect them; yet he spoke nothing to me of birds' nests, and if he found any there, he shared them with Chittralaija, for he is one of Chittralaija's schemers and informants. Regarding the Dayaks coming down to the lowlands: they have long promised this, but no reliance can be placed on it, and when they are forced and brought down for that purpose, they run away again; thus one must await the outcome of it. Regarding the open order in Malay: Your Honour certainly forgot to include it when closing the letter, for I did not receive it; yet I have ordered the Dayak people, in the name of Your Esteemed Honour, to apply themselves to pepper planting, which they
Dutch transcription
No. 2 No. 4. 126 Extract uijt een Brief geschreven van den vaandrich Daal aan den Opperhoofd C: Hoffman dateerd Tabben Jouw den 12 Junij 1788 Hhebbe de Den UWEdl Agtb:r in haast ten bedeelen, dat de Gallij met de Trauwmaijang, met veele Vaarthuijgen deesen Agtermiddag in Gevegt gekoomen en tot nog toe. /. 't is zeeven uur. / slaags is volgens zeggen van de Pattrouilles welke uijtgesonden, zijn de Vaarthuijgen ontelbaar Versoek needrigst om ontzet, en van Tatas nog Pattroon Pappier, welk geijscht maar nog niet Om fijn kruijt versoeke ook nog bekoomen De Galij is op de Loop gegaan Ik Twijfel niet of ze zullen morgen hier zijn Mijn verschansings zijn in zoo ver gereeds en zal mijn uijterst best doen, om hun teegen te staan Raader Extract uijt een ander Brief van den Selven gedateerd Tabben Jous den 18 Junij 1788 zoo offen ontvangen Uw Edl. Agtb„r geeerde Brief en diend tot antwoord, als dat wij deesen Nagt hier van 9 tot een uur Geslaagen hebben, teegens eenige vaarthuijgen op Zee, de Heer Grijsen ook Atte en en de Pantjalling de Peeperboom is den 17 hier ter Rheede Gekoomen, welke ook meede geslaagen heeft, maar des Morgens geen Vijandlijke Vaerthuijgen meer te zien zijn geweest en ik Twijfel en niet aan of zij zullen hier niet meer koomen Extract uijt een Brief geschreven van den Lieuijtenant ter zee Jacob Grijsen aan den Opperhoofd C: Hoffman dateerd ter Rheder Tabbenjouw op den Galwet de Draak den 19 Junij 1788 Dit diend tot Uw Eet narigt, als dat ik savonds om half thien met het vertrekken van die Peeperboom Circa ¼ mijl van de rheede vertrokken ben omde WZWt Slaags raakte waarop ik mijn Anker Ligte en hem navolgde om hem ter Adsisteeren, en de Commandant gestadig vuur gaf van de wal om de ZW=t en ik de Pantjalling gestadig geseedn„ „deert met de 6 lb Canons van vooren, en met de Kuijlstukken gestaadig Langs Strand schoot en de 2 groote Vaerthuijgen, die Langs de wal aen de Zuijd stevende vervolgde, tot snagts om half een Uur op de Hoogte van Pongij Tanbangan wierd 't Doot still en ik ging voort ten Anker op 3½ vaam waater s smorgens met sons opgang van den Grooten Top, uijtgekeeken No. 4. uijtgekeeken maar niets meer vernoomen den halven Voordemiddag was het doot still en naa de middag om 1 uur naar Tabbenjouw ging stevenen om aldaar te verneemen, hoe of het daar gesteld was Extract uijt een Brief geschreven van den Quartiermeester I„s Snijders aan den Opperhoofd C: Hoffman dateerd op de Pantjalling de Peeper„ „boom Kruijsende voor het Groote rivier tusschen de oost en West hoek den 24 Junij 1788 Ik heb den Eer UW Edtb„: Agtb: te bedeelen en te Rapporteeren, dat ik den 17 deesen des middags om 12 uur op de rhede van Tabbenjouw ben Gearriveert en den zelfden Avond om 5 uur ons vertrek gekreegen hebbende, om voor het Rivier van Banjer te Kruijsen, waaren genoodsaakt te blijven leggen door stilte, tot des avonds om Neegen uur kreegen een N NO wind, en vermits wij des middags eenige Vaarthuijgen om de oost en digt onder de wal gesien hadden zonder te kunnen bekennen wat 't waaren Ligten ons anker en Lijden 't ZWt aan om half Thien uuren zagen wij vijf vaarthuijgen digt bij den eersten hoek beoosten Tabbenjouw Deeden 2 Losse schooten maar siende dat zij lieden nog Atte digter 128 - digter onder de wal liepen schooten derhalven stijf op deselven met scherp, en van de wal wierd ook vuur gegeven op deselve en de Gallij Ligten ook zijn ankers en quaam naar ons toe, en hebben vervolgens gestadig op dezelven gevuurd tot des Nagts om een a 2 uwr, naar welken zij lieden zijn gevlugt, en zagen dat 't vijf groote Sampangs waaren en waarschijnlijk sterk bemand Maar vermits zijlieden digt onder de wal waaren en sterk roeijden, konden wij deselve niet agter„ „haalen, vermits 6 stil wierd, gingen vervolgens ten Anker en hielden scherpe wagt met opgeroerde stukken, zagen vervolgens in het ZZot nog twee Vaarthuijgen, mar konden deselve niet bekennen en vermits het stie was bleeven geankerd Leggen Des morgens zijnde den 18de met som opgang keeken wij uijt maar zagen niets, zoo dat wij niet weeten, waar zij lieden zijn gebleven. Hebbende verder onse Ammunitje naar gesien, en bevonden dat wij 179½ lb Kruijt verschooten hadden, naamentlijk 2 Losse schooten a 2 lb — 90 ditoo met rondscherp a 2. lb — 27 dito met Langscherp a 2 lb — nog 32 dito met Druijven a 2 lb en 12 dito met rondscherp a 1. lb — 10 dieto met Langscher p a 1 lb 14 ditoo met Druijven a 1 lb benevens 10½. lb kruijdt voor oploeijen en de Donderbussen N=o 3. 130 No. 4. Extract uijt een Brief geschreven van den Vaandrig Smits aan den opperhoofd C„ Hoffman dateerd Sampit den 10 August 1788 2 Omtrent den Berg Genaamd Goenoog Kakkie Daar zijn wel steene, edog geene Diamanten dan Ingebij Alli van mandavie is naa de Berg gegaan, en heeft van de zoogenaamde Diamant steene Gebragt en eenige aan mij gegeven, dewelke UW Edth bekomt om dezelve naa te sien, edog van Voogelpesten heeft hij mij niets Gesprooken, en waneer hij er aldaar Gevonden heeft hij deselve met Chittralaija gedeeld, want hij een van Chittralaijas Konkelaar en ooverbrenger is Omtrent de Paijakkers in laag koomende deselve hebben dit al lang beloofd, maar daer is er geen Staat op te maaken, en waneer zij daartoe gedwongen en afgebragt werden Dan loopen zij weer Weg, Dus moet men de uijtkomst daarvant verwagten Omtrent de oopen order in't malijsche heeft Uw Edl: zeekerlijk vergeeten, met het toe sluijten van den Brief, want ik deselve niet bekoomen, edog hebben 't Leegerijs volk gelast, uijt Naam van uw Ed Agtbr: zig aant Peeperplanten te begeeven twelk zij Atte
English
she promises, and a party is already busy clearing the forests and planting the same. It pleases me that it ended in such a manner with the pirates, though they have been in this river twice. These are called Tedong or Illanon. And they are still expected; for this reason I would request that a Company vessel might make a trip here now and then, even if it were only a mayang prahu, for the people of the encampment are very afraid of these pirates. Regarding Pangerang Praba, it seems to me 300 Spanish Reals per year is completely enough, for even if the yearly income of the three villages amounts to 1000 Spanish Reals, including the lease money, then 700 Spanish Reals remains, which will hardly cover the expenses of the Honourable Company; thus one must wait patiently for the pepper, in order to make the heavy expenses of the Honourable Company somewhat lighter through the profits that come from it. Regarding the leasing of these places, I leave it to Your Honour, but I would approve very much of leasing Mandavie and Pamboeang, provided it is to some Chinese, for then one knows what one receives: Mandavie for 300 Spanish Reals and Pamboeang for 200 Spanish Reals, then Your Honour will suffer no loss, and as long as it remains as it is, it will never yield that money, while the Shahbandars there No. 4. have no understanding of it, and they are also more or less indulgent, so I assume that the wax would be delivered to Your Honour and not transported away, for some years there is much wax and some years, so to say, nothing. This I leave to Your Honour's wiser judgment. Regarding Santang and Lawaij, I would not think it wise to employ Wiera Nagara for the present, for a Banjarese is held in no esteem in these villages, and I know Wiera Nagara very well, that he is arrogant and greedy for money. Please furnish me with a Malay letter to those two places. I have a mantri here who is named Kiai Htammerjoda; he is a native of Pantang. I shall send him there together with the Ngabehi of Pamboeang, and they, I am assured, will bring Your Honour and also me a true report, but this I leave to Your Honour's wiser judgment. No. 4 3 Letter No. 1 [illegible] No. 4. 133 [illegible] 3 No. 4 [illegible] 134 No 4 135 letter No. 2 [illegible] 135 No 4. 136 No. 4. Hendrik Casper Romberg, Senior Merchant and Chief of the Company's trade and further establishment in the Empire of Japan. Sir, Referring myself, with regard to everything that relates to the ordinary course of trade and the condition of this factory, to your experience acquired through many years of practice, I shall now, since I am once again obliged in compliance with the venerated order of our Lords and Masters to leave behind a written memorial for you, only set down briefly here that which I judge can and must still be done and accomplished regarding the arrangements and efforts initiated by me, but not yet brought to fruition this year as desired, for the improvement of trade, in order that the same, if possible, might attain the desired result, most advantageous to the Company. The principal of these arrangements being the plan, discussed in detail in our secret letters to the Noble High Indian Government, to dispense entirely with the importation of ducatoons henceforth and in their place to bring in annually 30,000 catties of cloves, above the quantity of ten thousand catties contracted in the year 1784; regarding which the Japanese have promised and assured me that next year, when the answer has arrived from the Chinese captains—to whom a proposal was made to transport a good quantity of that product or its oil, the distillation of which was tested here with good success, with each junk annually, and to that end each captain was given a sample, both of the cloves and of their oil, and who undertook to declare themselves positively thereon upon their return in the coming spring—and provided it is even slightly favourable, to conclude a firm agreement. Your Honour must therefore keep this matter alive as far as possible, press it further in all earnestness, and after the return of the junks make every effort to discover and trace what answer they bring on this subject, and furthermore employ all possible endeavours
Dutch transcription
zij belooft „ en is Reeds een Partij beezig om de Bossen te kappen, en den zelven te Planten Het is mij lief dat 't zoo afgeloopen is met de zeeroovers, Edog zijn zij tweemaal in dit rivier geweest. /. deese woorden genoemt Tedong of Illanon. /. en dezelve werden nog verwagt, om deese reeden zoude verzoeken, dat dog dan en wan een Comps„ Vaarthuijg alhier een Togje deed, al was het al¬ seenig een Praumaijang, want het volk van de Legerij is Zeer bevreest voor deese Roovers Omtrent Pangerang Praba, mij dunkt 300 Sps Reaalen s Jaars volkoomen genoeg is want Laat de Jaarlijkse Inkoomen vande drie Dorpen 1000 Sps„ bedraagen, met het Pagtgeld dan blijft er sp„s 700. - oover dewelke zwaarlijk de onkosten van de Edth Comp zullen voldoen; dus moet men met geduld op de Peeperwagten om de swaare Onkosten van de Eeth Compwatligt te maaken door de Profijten welke van denzelven koomen Omtrent de Verpagting van deese plaatsen Laat ik aan Uw Edb over, edog ik zonder het heel goed keuren, om mandavie en Pamboeang te verpagten mits aan eenige Chineesen, want dan weet men Wat men bekomt, Mandavie op 300 sp=s en Pamboeang op 200 sp„s dan zal Uw Eeth geen schaade lijden en zoo lang als het zoo blijft, zal deselve nooijt dat geld opbrengen, terwijl de Sabandhaars aldaar geen No. 4. Geen Verstand daarvan hebben, en dezelve zijn ook min of meer toegeevend, dus Veronderstel ik, dat het Wax aan uwEdt- werde geleevert, en niet vervoerd want Sommige Iaaren is er veel Wax en sommige zoo te Leggen Niets dit laat ik aan Uw Edtl wijzer Gevoelen oover Omtrent Santang en Lawaij, zoude ik het niet goedvinden) om Wiera Nagara vooreerst, want een Banjarees is in deese Dorpen niets geestimeert en Wiera Nagara Ken ik heel wel, dat hij hoog„ „moedig en geldgierig is, gelieft een malijtsche briev aan mij te besorgen, aan die twee plaatsen, ik heb alhier een mandrie dewelke genoemd werd Kiaij Htammerjoda, deese is een Inboorling van Pantang deese met den Ingebij van Pamboeang zal ik daar naa toe senden, en dewelke. /. ben ik verseekerd. /. zullen Uwedtl en ook mij een opregte Rapport Brengen edog dit Laat ik aan uw Eedtl wijser Gevoelen oover - Atie een No. 4 3 Brief No 1 iel 6i1 o 7 otie in 1: : ƒ 1 ƒ 10: 1ie it 1„ 5 „ 1i1 1 den 171 er 1 Jo 1 ems den en n Jbe 9 e i tije: bij ij is mijstil f ƒ 1: 1 in 1e7: o v in e bi enden Pen de Ier sejn5uijer Jan on 115. N6 146 Js Jlingit sjane Trilsjane & Strits, 1Gris, 6 Jj, 5. Jv- tnere seijcleluwse. 1 ie bisaine den 5 Jeni ri nn se i n deen ie s ebi Gel. 15: ipjerits ijn Sesb: Gehr C: reijns vent er erche, e e Hi n - No. 4. 133 itie 3 No. 4 Selcienr . ƒ N:1901:/½ F eij 1202 „ 134 .„ No 4 1355 brief No. 2 CCasijn e lun : t :o: Jnsij kaij ian bn34 pe raietie eger eijnte Ji Ari 161 Jns Huetin enne eneneniber 16 161 Cbptie ƒ n sii 16 @ 651,65 ƒ ƒ713„ 15„710 tefle11 J: iiijn in H6 SJ: Hewen Fors C 5v. 6, Z: J F = V 4. e 1e Jie Jilje 1202132 1155. itie 135 No 4. felior 136 No. 4. Hendrik Casper Romberg Opperkoopman en opperhoofd van s Comp„s handel en verdere Omslag in het Keijzewijk Japan Mijn Heer Mij ten aansien van alles, wat tot den gewoonen loop„ van den handel en der toestand deeses Comptoors eenige relatie heeft, gedraagende aan uwe, door een lang Iaarige Ondervin„ „ling, verkreegene ervaarendheijd, zal ik thans, nu ik an„ „dermaal ten voldoening aan de gevenereerde Order onzer Hee„ „ren en meesters verpligt ben, Uls een schriftelijke mamo„ „rie na te laaten, alleen kortelijk alhier ter needer stellen, het geene ik Oordeele nog te kunnen en te moeten gedaan en bewerk„ =nstellige worden, omtrand de door mij ge-entammeerde, dog deesen Jaare nog niet na wansch tot stand gekoomene schikkingen en betragtingen ter verbeetering van den handel, ten eijde de„ „zelve waare het moogelijk, den gewenschten en voor de Comp=e aller voordeeligster uijtslag te doen erlangen. — zijnde de voornaamste deeser schikkingen, het bij onse secro„ Momorie voor den Heer lutie „ten - „te letteren aan de Edele Hooge Indiasche Regeering breed voerig verhandel de plan, om voortaan den aanbreng van duca„ „tons geheel te excuseeren en in dies plaats Jaarlijks 30'000 Catjes garioffel nagulan aan te brengen, booven de in A„o 1784. gecontracteerde quantiteijt van tien duijzend Catjes; waar omtrend de Japanders mij toegesegd en versoekerd hebben, om aanstaande Jaar, wanneer het antwoord der Chineese Capteijns, aan welke men een voorslag gedaan heeft, om Iaarlijks van dat product, dan wel de olij van dien /: van welkers stooking men hier met een goed gevolg de proef genoomen heeft :/ een goede quantiteijt met ieder Ionk te vervoeren en ten dien eijnde aan ieder Capteijn een monster, zoo wel van de nagulen als Ian dies olij heeft meede gegeeven en welke aangenoomen hebben om bij hunne te rug komst in het aanstaande voor„ „jaar zig daarop positief te verklaaren, zal in gekoomen zijn en bij aldien het zelve maar eenigsints favorabel is, een vast accoord te zullen sluijten. — UEd: moet dierhalven deeze zaak zoo veel moogelijk laan „vendig houden, daar op nader met allen ernst aandringen; en na de te rug komst der Jonken ralle moeijte doen om te Ontdekken en na speuren, welk antwoord dezelve op dit sujet meede brengen en Voorts alle moogelijke poogingen aan¬ „worden
English
138 No. 4. to apply oneself to bring about and successfully conclude this proposal, which is in all respects so advantageous for the Company, and which article I therefore specifically recommend to your zealous and earnest care, since a double service will thereby be rendered to the Company, namely, first by dispensing with cash in these moneyless times, and secondly by notably increasing the sales of a product that yields such considerable profits and of which the stock in the Company's warehouses is very large. Secondly, obtaining a price increase on the tuffachelasses, which was not possible for me to accomplish this year because of the small quantity sent, of which only eleven pieces were brought to sale and the remainder were designated for the court gifts, but which I nonetheless consider not impossible, but on the contrary think easy to obtain if a considerable quantity of it is sent again, since I have already prepared the Japanese to such an extent that they certainly expect and look forward to it, and also do not seem unwilling or disinclined thereto, provided that a good quantity of it is brought. Furthermore, trusting that your Honour will leave no means or ways untried and let no opportunity slip by, to make use, if possible, in the quiet season, of the present bad and meager condition of the treasury, known to your Honour, in one way or another to the benefit of the Company, and to derive some profit therefrom or to bring about some advantageous improvements in trade, I conclude this with wishes for a praiseworthy administration, paired with lasting prosperity and all possible contentment, and remain with all respect, Japan, at the Factory of Nagasaki, 30 November 1788. F: V Reede tot de harkeler Your Honour's humble servant Sir Copy Secret Resolution taken in the Council of Policy of the City and Fortress of Malacca of 30 September 1788. No. 4. Secret Tuesday, 30 September 1788, in the forenoon. Meeting of Policy. All present. The outgoing Governor de Bruijn has produced the translation of a letter written to his Honour by the King of Salangor and sent with his Shahbandar and the Panghulu of Seram, mainly containing that his son from Siantan had been brought home by Raja Ali; that Raja Ali surrendered himself entirely to the disposal of him, the King of Salangor, to deal with him for good or for bad; that he, the King of Salangor, therefore most urgently requested pardon for him, Raja Ali; that his Honour the Governor should not think of him, Raja Ali, that he would brew anything evil against the Company; that he, the King of Salangor, interposed himself as guarantor for him, Raja Ali, and in no way wished, nor would, deviate from the contract concluded with the Company; that his intention was to live in harmony with Raja Ali, keeping away from himself anything that might displease the Company; that he trusted that his Honour the Governor would likewise adhere to the said contract, as it now stood. The said Governor de Bruijn has further made known that the Governor-elect Couperus had also received a letter of the same content, and that both original letters were stamped with the seal of Raja Ali below that of the King of Salangor. Whereupon, having deliberated, it was taken into consideration, 30 September 1788, that, just as the Resident of Riau, Baumgarten, had written in his secret letter of the 15th of this month, that Raja Ali had fallen into a dispute with Sultan Mahmud and thereupon had departed for Salangor with his six or seven baloos and kakaps brought along to Lingga, the envoys of Salangor had also related of their own accord, or without being asked about it, to Mr. Couperus, who communicated the same to the assembly, that Raja Ali, having been unable to persuade the said Sultan of Riau to reconcile with the Company, nor to conform to his intention to continue committing hostilities against the Company, had gotten into a dispute with him over this, and had therefore proceeded to Salangor to settle there again with his family, if the Company would permit him to do so; that Raja Ali is indeed keen on trade, but not warlike, and it was sufficiently well known that he had never approved the plan of his brother-in-law Raja Haji, who was killed before Malacca, to make war upon the Company, nor consented to the defense of Riau by the Bugis when the combined forces of the State and the Company had arrived there in the year 1784; that one could just as little suspect that Raja Ali, with the meager power he has left, would attempt to undertake anything against the Company, as that the King of Salangor would dare to join him therein, as long as he saw no chance to sustain his defection from the Company, but that on the contrary one might assume that Raja Ali, weary of wandering, and now that he
Dutch transcription
138 No. 4. wenden om deese in allen opzigten voor de Compe zoo voordeelige pro„ „positie tot stand te brengen en gelukkiglijk te doen slaagen, en welk articul ik dus in sonderheijd aan uwe ieverige en ernstige be„Ulte „hartiging aan bevele. wijl de Comps daar door een dubbelde dienst gedaan zal worden, e als voor eerst door het excuseeren van de Contanten in deese gel„ 1 9 „deloose tijden en ter anderen door het merkelijk vermeerderen van het debiet van een product, dat zulke Considerabele winsten afleeverd en waar van de voorraad in Comp„s pakhuijsen zeer groot is. — Ten tweeden de erlanging van een prijs verhooging op de tuffa„ „chelassen, het geen mij deesen Iaare, om de geringheijd van de aangesondene quantiteijt : /:waar van er maar elf pees in den verkoop gebragt en de Overige voor de hoofsche schen„ „kagie geprojecteerd zijn :/ niet moogelijk gewoest is te be„ „werken, dog het welk ik echten niet Ondoenlijk oordeele, maar inteegendeel in dien er eens weeder een aansienlijke quan„ oliteijt van word aangesonden ligt te obtineeren achte, wijl ik de Japanders reeds dermaate daarop geprepareerd heb be„ dat zij zulks wel zeeker verwagten en te gemoed zien, en hier toe ook niet weijgeragtig of ongeneegen schijnen, mits er maar een goede quantiteijt van word. aangebragt. — Voorts Vertrouwende dat U2d: geene middelen of weegen Onbeproefd zult laaten en geene geleegendheijd zult laaten voor„ „bij „bij slippen, om indien het moogelijk is, in de stille tijd, van de teegenwoordige, aan UEs. bekende, slegte en schraale toestand van de geld kamer op de een of andere wijse tot voordeel van de Compe gebruijk te maaken en daar uijt eenig nut te trekken of eenige voordoelige Verbeeteringen in den handel te weege te brengen, besluij¬ ik deese ondertoewensching van een roemwaardig bestier, ge„ „ppaars met een aanhoudende welstand en alle moogelijke ver„ „genoegen, en blijve met alle agting. — Iapan ten Comptoire Nangerackin den 30=e November A„o 1788: F: V Reede tot de harkeler Uwel Edele dienstwillige Dienaar Mijn Heer Copie Resolutie Secreete genomen in Raade van Politie der Stad en Fortresse Malacca van den 30. September 1788. No. 4. Secreet Dingsdag den 30. ' September 1788. 's Voormiddags Vergadering van Politie. Allen present De Heer Afgaand Gouverneur de Bruijn heeft geproduceerd het Translaat van eenen brief, door den koning van Slangenoor aan zijn Ed. geschreven, en afgezonden met 3„ zijnen Sabandaar en den Langhoeloe van Seram, hoofdzaakelijk behelzen„ „de, dat zijn zoon van Siantang door Radja Ali was t' huis gebragt; dat Radja Ali zig zelf ten eenen„ „maale aan de dispositie van hem (Koning van Slangenoor) overgaf, om ten goede of ten kwaade met hem te handelen; dat hij (koning van Slan„ „genoor) derhalven voor hem (Radja Ali„ zeer instantig vergiffenis verzogt; dat zijn Ed. (de Gouverneur) van hem Radja (Radja Ali) niet denken moest, dat hij iets kwaads tegen de Compagnie zoude brou„ „wen; dat hij (de Koning van Slange„ „noor) zig voor hem (Radja Ali) als Borg interponeerde, en geenzins wil„ „de, nog zoude, afwijken van het met de Compagnie gesloten Contract; dat zijn voorneemen was om eensgezind met Radja Ali te leeven, van zig ver„ „mijderende alles wat de Compagnie mogte mishaagen; dat hij vertrouwde dat zijn Ed. (de Gouverneur zig mede zoude houden aan het gemelde Contract, zoo als het nu plaats vondt. De gemelde Heer Gouverneur de Bruijn heeft wijders te kennen gegeven, dat de Heer Geeligeerd Gouverneur Cauperur ook eenen brief van denzelfden inhoud hadt ontvangen, en dat beide de origineele brieven met het zegel van Radja Ali beneden dat van den Koning van Slan„ „genoor bestempeld waren. Waar op gedelibereerd zijnde, is in Den 30. September 1788. aanmerking Den 30. September 1788 aanmerking genomen, Dat, gelijk de Resident van Riouw Baningarten bij zijnen secreeten brief van den 15. deezer geschreven hadt, dat Radja Ali met Sulthan Machmoet in verschil geraakt en daar op met zijne te Linga medegebragte zes of zeven ba„ „loos en Kakaps naar Slangenoor ver„ „trokken was, de Gezanten van Slange„ „noor ook aan den Heer Couperus, die het zelve aan de Vergadering com„ „municeerde, uit zig zelven, of zon„ „der daar na gevraagd te weezen, ver„ „haald hadden, dat Radja Ali, den gemelden Zulthan van Riouw niet hebbende kunnen beweegen om zig met de Compagnie te verzoenen, nog zig conformeeren met zijn opzet om vijandelijkheden tegen de Compagnie te blijven pleegen, daar over verschil met hem gekregen, en zig derhalven naar Slangenoor begeeven hadt, om zig met zijne familie daar weder te zetten, zetten, indien de Compagnie het hem wil„ „de toestaan; Dat Radja Ali wel heet op de negotie, maar niet oorlogzugtig, en het genoeg be„ „kend was, dat hij nooit gegauteerd hadt het plan van zijnen voor Malacca gesneu„ „velden zwager Radja Hadjie om de Compagnie te beoorlogen, nog toegestemd in de defensie van Riouw door de Boe„ „gineeschen, toen 's Lands en Comps. reree„ „nigde magt in het jaar 1784 daar ge„ „komen was; Dat men even zoo min vermoeden kon, dat Radja Ali met de geringe magt, die hij overbehouden heeft, beproe„ „ven zoude iets tegen de Compagnie te ondernoemen, als dat de Koning van Hon„ „genoor het zoude waagen zig daar toe bij hem te voegen; zoo lang hij geenen kans zag om zijnen afval van de Compagnie te souteneeren, maar dat men daaren„ „tegen onderstellen mogt, dat Radja Ali, moede van het omzwerven, en, nu Den 30: September 1788. hij
English
5 The 30th of September 1788. he was embroiled with the Sultan of Riouw, worried that he would also not be safe under his jurisdiction, will have taken the resolution to seek refuge in the Kingdom of Slangenoor, to whose king he is related; That, if it were otherwise, or Radja Ali had come there with the intention of again stirring up the King of Slangenoor against the Company and making common cause with him, one could obtain information of this sooner if he were permitted to remain there than if he had returned from there; That the refusal to Radja Ali to remain at Slangenoor might sometimes cause him to choose the option of taking refuge with the English on Poeloe Pinang, and in that case he could brew more mischief against the Company than through his presence at Slangenoor; That one now also found oneself unable to force him to move from there, The 30th of September 1788. force, as one would be obliged to do if he would not agree to it voluntarily; That it would therefore suit the Company better to reconcile with Radja Ali, whereby the Buginese might possibly be restrained from conspiring with Sultan Machmoet against the Company, than to deny him the forgiveness that was requested on his behalf. And, for all these reasons, upon the proposal of the Governor Mr. de Bruijn, it was unanimously approved and agreed to reply to the letter of the King of Slangenoor, That although the Company holds it as a constant fundamental rule rather to forgive an estranged ruler who acknowledges his errors and mistakes and shows sincere repentance for them, and to readmit him into its friendship, than for his sake to expose his innocent subjects, who mostly followed him under duress, as victims of a war devastating to country and people, as a public proof thereof was given to him (the King of Slangenoor), The 30th of September 1788. proof was given, and although he also declares to interpose himself as guarantor for the peaceful conduct of Radja Ali toward the Company, one must nevertheless doubt the latter's sincerity as long as he does not write to the Governor and Council himself, since the stamping of his seal beneath that of the King of Slangenoor in the aforementioned letter is not sufficient proof of his true inclination to reconcile with the Company; That Radja Ali therefore, if his heart is pure and unfeigned, must write a letter to the Governor and Council, and state therein the reasons that move him to solicit the friendship of the Company; That after receipt thereof, one will gladly make representations to the Honorable High Government of the Indies, in order to reflect favorably upon it; That in the meantime, in the expectation that his conduct will be in accordance with the assurance that the King The 30th of September 1788. of Slangenoor gives of his good intention, one is willing to permit him to remain at Slangenoor until an answer is received from the aforementioned High Government at Batavia, provided he carefully abstains from everything that could arouse any suspicion. Malacca in the Castle, on the date written above. (signed) P. G. de Bruijn, A. Couperus, Z: Thierens, J. A. Hensel, D. Ruhdé, and G. Pungel. J. van Saak First Sworn Clerk Agrees. 8 No. 6. Copy Dispatched and Received Secret Letters to and from the Outer Regions, from the first of April to the end of October 1788. No. Secret To the Honorable Pieter Walbeeck Merchant and First Resident Palembang Honorable, Pious, Discreet, Although the vessels coming from Batavia, Java, and Cheribon had no encounters with the Solokkers, who according to Your Honor's secret letter of the 14th of July last were roaming around Banca and had ruined two of the best tin mines, etc., we nevertheless note as a plausible precaution that Your Honor, by means of the Palembang cruisers, had the vessels heading to the North warned to be on their guard. The burgher Jacob van Garlingh, having arrived at Palimbang in violation of the pass granted to him here for Bengal, and sent by Your Honor to Batavia, has, as we are informed, proceeded to the island of Poeloe Pinang occupied by the English, and sold his vessel there. After After friendly greetings we remain, (Below stood) Honorable, Pious, Discreet (Lower) Your Honor's (Signed) P. G. de Bruijn, and A. Couperus (in the margin) Malacca in the Castle, the 14th of October 1788. dutiful Friends. Agrees. C. van Laak First Sworn Clerk 3 Secret To the Right Honorable, Highly Esteemed Pieter Gerardus de Bruijn, Outgoing, and Abrahamus Couperus, Incoming Governor and Director on behalf of the General Dutch Chartered East India Company, together with the Council of Policy there. Right Honorable, Highly Esteemed, Valiant, Manly, Prudent, Discreet, Gentleman and Gentlemen, In humble reply to Your Right Honorable Esteemed letters of the 18th of February, this serves to state that immediately after receipt thereof I informed the king of the sailing out of a multitude of pirates under the command of the Lait Ali, upon which His Highness also put to sea a considerable small fleet for the protection of the Island of Banca, which, as long as it cruised there until the beginning of the Mohammedan fast, saw no pirates whatsoever in the strait, but since the putting into port of those cruising vessels
Dutch transcription
5 Den 30. September 1788. hij met den Sulthan van Riouw gebrouilleerd was, bekommerd dat hij onder zijne Iurisdic„ „tie ook niet veilig zoude zijn, het bisluit ge„ „nomen zal hebben om schuilplants in het Rijk van Slangenoor te zoeken, aan wiens koning hij vermaagschapt is; Dat, indien het al anders, of Radja Ali met een oogmerk, om den Koning van Slangenoor weder tegen de Compagnie op te ƒ hitzen en eene lijn met hem te doen trek„ „ken, daar gekomen ware, men daar van eerder narigt kon krijgen, wanneer hem toegestaan wierdt daar te blijven, dan wan„ „neer hij van daar zoude weezen geretourneerd; Dat de weigering aan Radja Ali om te Slangenoor te blijven hem somtijds de par„ „tij zoude doen kiezen van toevlugt te nee„ „men tot de Engelschen op Poeloe Pinang, en hij in dien gevalle meer kwaads aan de Compagnie zoude kunnen brouwen, dan door zijn aanweezen te Slangenoor; Dat men zig nu ook buiten staat bevondt om hem tot de verhuizing van daar te noodzaaken Den 30. September 1788. noodzaaken, gelijk men verpligt zoude zijn te doen, indien hij daar niet goedwillig toe treeden wilde; Dat het der Compagnie overzulks beter conveni„ „eeren zoude zig met Radja Ali te laaten verzoe„ „nen, waar door mogelijk de Boegineeschen zouden worden wederhouden om met Zulthan Machmoet tegen de Compagnie zamen te Spannen, dan hem de vergiffenigs te ontzeggen, die voor hem verzogt wierdt. En is, om alle deeze redenen, op de pro„ „positie van den Heer Gouverneur de Bruijn, unanimiter goedgevonden en verstaan op den brief van den Koning van Slangenoor te ant„ „woorden, Dat schoon de Compagnie het tot eenen bi„ „stendigen grondregel houdt liever eenen van haar verwijderden vorst, die zijne dwaalingen en misslagen erkent en 'er opregtelijk berouw van toont, dezelve te vergeeven, en hem weder in haare vriendschap aan te neemen, dan om zijnentwille zijne onschuldige onderdaanen, die hem veelal door dwang gevolgd zijn; tot slagt„ „offers van eenen land en volk verwoestenden oorlog te stellen, gelijk daar van aan hem (den Koning van Slangenoor) een openbaar blijk Den 30. September 1788. blijk gegeven is, en schoon hij ook betuigt zig tot Borg te interponeeren voor het vreed„ „zaame gedrag van Radja Ali omtrent de Compagnie, men egter aan des laasten wel„ „meenendheid moet twijffelen, zoo lang hij zelf niet aan den Gouverneur en Raad schrijft, dewijl het drukken van zijn cachet onder dat van den Koning van Slangenoor in den gemelden brief geen toereikend bewijs is van zijne waare geneigdheid, om zig met de Compag„ „nie te verzoenen; Dat Radja Ali derhalven, indien zijn hart zuiver of ongevemsd is, een brief aan den Gouverneur en Raad moet schrijven, en daar in melden de redenen, die hem be„ „weegen om de vriendschap van de Compag„ „nie aan te zoeken; Dat men na dies ontvangst zig gaarne bij de Edele Hooge Indische Regeering zal interesseeren, om daar op gunstiglijk reflerie te slaan; Dat men hem ondertusschen, in ver„ „wagting dat zijn gedrag overeenkomstig zal weezen met de verzekering, die de ko„ „ning Den 30. September 1788. „ning van Slangenoor geeft van zijn goed oogmerk, wel wil permitteeren om te slan„ „genoor te blijven tot dat men antwoord krijgt van de welgemelde Hooge Regeering te Ba„ „tavia, mits zig zorgvuldig onthoudende van alles, dat eenig wantrouwen zoude kunnen verwekken. Malacca in het Casteel dato voorschreven (getekend) P. G. de Bruijn, A. Couperus, Z: Thierens, J. A. Hensel, D. Ruhdé, en G. Pungel. J Van Saak E E. G: Klerk Accordeert 8 No. 6. Copie Afgegaane en Aangekomen Secreete Brieven naar en van de Buitengewesten, sedert primo April tot ultimo October 1788. No Secreet Aan den E. Pieter Walbeeck Koopman en Eersten Resident Palembang Eerzaame, Vroome, Discreete, Schoon de van Batavia, Iava, en Cheribon komende vaartuigen geene rencontres gehad hebben met de Solokkers die volgens uw Ed. secreeten brief van den 14. Iuli laast„ „leden omtrent Banca gezworven en twee der beste tin laat„ Gc. „zin geruineerd hadden, merken wij egter als eene plausible voorzorg aan, dat Uw Ed: door de Palembangsche Kruis„ „sers de om de Noord Stevenende vaartuigen heeft laaten waarschuwen op hunne hoede te zijn: De Burger Iacob van Garlingh, met violatie van „de hem hier verleende Las naar Bengale te Palimbang aangekomen, en door Uw Ed. naar Batavia gezonden, heeft zig, zoo als wij onderregt zijn, naar het door de Engelschen geoccupeerd eiland Poeloe Linang begeven, en daar zijn vaartuig verkogt. Na te Na vriendelijke groete blijven wij (Onderstond) Eerzaame, Vroome, Discreete (Lager) UwEd. (Getekend) P. G: de Bruijn, en A. Cou„ dienstwillige Vrienden „perus (in margine) Malacca in het Casteel den 14. October 1788. Accordeert C Van Laak E. G. Klerk 3 Secreet Hbeeren Aan de Wel-Edele Agtbaare Pieter Gerardus de Bruijn, Afgaande, en Abrahamus Couperus, Aankomende Gouverneur en Directeur wegens den Generalen Nederlandsche Ge„ „octroijeerde Oostindische Compagnie nevens den Raad van Politie aldaar Wel-Edele Agtbaare, Erntfeste, Manhafte, Voorzienige, Discreete, Heere en Heeren, In nedrige reseriptie op UwelEd: Agtb: gevenereerde ler„ „teren van den 18. Februari diend dat ik den koning direct naar dies ontvangst van 't uitloopen eener menig„ „te zeeroovers onder bevel van den Lait Ali hebben ken„ „nis gegeven waar op dan ook zijn Hoogheid een aanzien„ „lijk vlootje ter bescherming van 't Eijland Banca heeft in zee gebragt 't welk zoo lang hetzelve aldaar tot het begin der Mahomethaansche vasten gekruijst heeft men hoegenaamd geen zeeschuimers in straat heeft ver„ „nomen dan zedert 't binnen loopen van die kruijsvaar„ „tuigen
English
vessels, a very considerable crowd of that rabble has appeared to the north of Banca, and completely ruined two of the best tin districts, Marawang and Clabat, after first having plundered all the tin lying ready there. And since those robbers, who are said to be mostly people from Sulu, are still roaming about in the Strait of Banca, the King, at our persistent request, has again armed the vessels he had at hand and sent them thither. In the meantime we fear that if, according to rumors, those robbers are only a part of a fleet of over 150 vessels which might still be staying around and near the Malay coast, not only the people of Palembang but also the Javanese petty traders will suffer very much. For their protection we have ordered the cruisers to properly warn all vessels going to the north to be on their guard. For the rest, I cannot omit to inform Your Honorable Worships that the burgher Van Garlingh, having arrived here in the month of March with a Malacca pass made out for Bengal, was suspected by me of illicit trade because of his roaming about, and on that account I refused to grant him a pass except to the capital. Having departed from here with his bark under convoy of one of the cruisers on the 13th of May, he cut his cable at night near Pulau Nankas and set his course to the north, without anything having been heard of him since. Further knowing nothing noteworthy, I have the honor to remain with the highest esteem, Was undersigned, Right Honorable, Worshipful, Valiant, Manly, Prudent, Discreet Sirs and Masters. Lower, Your Right Honorable Worships' obedient servant, Signed, L. Walboeck. In the margin, Palembang, the 14th of July 1788. Agrees, Van Saak, First Clerk. 5 Copy Outgoing and Incoming Secret Letters to and from Riouw Since the first of April until the last of October 1788. No. 8. found cited. Fourthly, whether the King of Boni had any part in the enterprise of the Sulu or Ilanun people against Riouw. Concerning all of which Your Honor must therefore conduct the most rigorous investigation in secrecy. I remain in expectation thereof. Was undersigned, Your Honor's Good Friend, Signed, P. G. de Bruijn. In the margin, Malacca in the Castle, the 9th of May 1788. the 18th of May 1787 from that of his envoys to Radja Alam is To the Merchant David Ruhdé, Resident at Riouw. Honorable, Discreet, I have successively received Your Honor's secret letters of the 8th of April and 18th of May last, but find nothing else to reply thereto except that I acquiesce in Your Honor's answer to my requisition by letter of the 9th of the last-mentioned month. Remaining for the rest after greetings, Was undersigned, Your Honor's Good Friend, Signed, P. G. de Bruijn. In the margin, Malacca in the Castle, the 11th of June 1788. Secret To Secret 3 To the Merchants David Ruhde and Christiaan Godfried Baumgarten, Outgoing and Incoming Residents at Riouw. Honorable, Discreet, The contents of the narrative sent to us by Resident Ruhde alongside his secret letter of the 15th of this month are made very probable to us by those of a letter from the Junior Merchant Stuart dated the 30th of June last, which, having been sent to us in copy from Batavia, is herewith communicated to Your Honors, with the recommendation to devise in concert with Mr. Drillinger, Captain of the State's frigate of war Hoorn, the best measures to foil the invasion that the Ilanun people, united with the Bugis and Malays, might undertake against Riouw; just as we further direct Your Honors to use for your information and guidance the extract from the minutes of the resolutions taken in the Council of the Indies on the 20th of the said month of June, with the documents cited therein, which also accompany this. We remain after greetings, Was undersigned, Your Honors' Good Friends, Signed, P. G. de Bruijn and P. A. Camperus. In the margin, Malacca in the Castle, the 28th of July 1788. To Res... Secret To the Merchant Christiaan Godfried Baumgarten, Resident at Riouw. Honorable, Discreet, Section 1. Although we have seen from Your Honor's secret letter of the 15th of this month that the contents of the narrative sent to us by Your Honor's predecessor on the 15th of July last were contradicted by everyone coming from elsewhere, and Your Honor was on the contrary informed that everything on Lingga was at peace, and although we are also willing to suppose with Your Honor that the assertion of the Ilanun people who were before Mempawah with forty vessels, that they would join with another fifty vessels that were already in the Strait of Banca, could easily be mere braggadocio, we nevertheless deem it necessary to further recommend to Your Honor most earnestly a constant vigilance and readiness to make use of the arrangements concerted with Captain Drillinger to foil an invasion of Riouw. Section 2. The reasons advanced by Your Honor for the relocation and improvement of the Resident's dwelling have appeared so acceptable to us and the Council of Policy that we have resolved to authorize Your Honor, as we authorize Your Honor hereby, as soon as it can be done without prejudice, to build on the slope of the hill of Tanjung Pinang, under the cannon and
Dutch transcription
„tuijgen heeft zig een zeer aanzienlijke beide van dat gespuijs om de noord van Banca vertoond, en twee der beste thinplaatzen Marawang en Clabat naar alvoorens al het aldaar gereed leggend thin geroofd te hebben ten eenemaal geruineerd, en vermits die roovers die men zegd dat meestendeel solokkers zoude zijn, als nog in straat Banca rondzwerven heeft den koning op ons aanhoudend verzoek zijne aan handen hebbende vaartuij„ „gen wederom g'armeerd en derwaarts gezonden, in tus„ „schen vreeze wij dat zoo indien volgens gerugte die voorers maar een gedeelte van een vloot van ruijm 150. vaartuigen die zig nog om en bij de Maleitsche kust ophouden mogte zijn, niet alleen de Palombangers maar de Iavasche smallehandelaaren zeer veel zullen te lijden hebben, en ter welkers voor behoeding wij de kruissers g'ordonneerd hebben om alle de om de noord gaande vaartuigen behoorlijk te waarschuwen om op haar hoede te zijn. Overigens kan ik niet afzijn UwelEd. Agtb: kennis te geeven dat den vrijburger van Garlingh, alhier in de maand Maart met een Malaccasche pas luijdende naar Bengalen gearriveerd zijnde ik hem wegens zijn rondzwerven van Linkse handel sus„ „pecteerde en dierhalven geen pas dan naar de hoofd„ „plaats heb willen verleenen hij met zijn bark onder convooij van een der Kruijssers op den 13. Maij van hier vertrokken heeft 's nagts bij de Poeloe, Nan kas zijn zijn touw gekapt en zijn cours om de Noord gezet zon„ „der dat men zedert iets van hem heeft vernomen. Wijders niets Anotabels weetende vereer ik mij niet de meeste hoogagting te verblijven (Onderstond) Wel-Edele Agtbaare, Erentfeste, Manhafze, voorzienige, discreete heere en Heeven (Lager) Uwel Edele Agtbaare en Wel-Edelens gehoorzaame Dienaar (Getekend) L. Walboeck (in margine) Palembang den 14. Juli 1708 Accordeert Van Saak C G: klerk 5 Copie fgjegaane en Aangekomen Brieven Secreete naar en van Riouw Sedert primo April tot ultimo October 1788. No 8. aangehaald gevonden. Ten vierden, of de Koning van Boni eenig deel gehad heeft in de onderneeming der Solokkers of Elanongers op Riouw! Na welk een en ander UwE. overzulks in secretesse een aller„ „naauwkeurigst onderzoek moet doen. Ik blijft in verwagting van hetzelve (Onderstond) UwE. Goede Vriens (Getekend) L. G: de Bruijn (in mati„ „gine) Malacca in het Casteel den 9. Mai 1788 den 18. Mai 1787 uit dat zijner Afgezondenren naar Radja Alam wordt van den koopman David Rurdé, Resident Riouw. Eerzaame, Discreete, Ik heb UwE. secreete brieven van den 8. April en 18. Mai laast„ „leden successivelijk ontvangen, dog vind 'er niets anders op te ris„ „cribeeren, als dat ik berust in UwE. antwoord op mijn requisit bij brief van den 9. der laastgemelde maand. Blijvende voor het overige na groete (Onderstond) UwE. Goede Vriend getekend) P. G. de Bruijn (in margine ver „lacca in het Casteel den 11:' Juni 1748. Secreet Aan Secreet 3 Van de kooplieden David Ruhde, en Christiaan Godfried Baumgarten Afgaansen en Aankomenden Resident Riouw D op Discreete Eerzaame, De inhoud van het Relaas, door den Resident Ruhde ons toegezonden nevens zijnen secreeten brief van den 15. deezer, wordt ons zeer waarschijnlijk gemaakt door dien eenes briefs van den Onderkoopman Stuart Sub dato 30. Juni laastleden, dewelke, ons in copie van Batavia toege„ „zonden zijnde, zoodanig UwE. hier nevens wordt medegedeeld, onder aanbeveeling om decondert met den Heer Drillinger, Ca„ „piteir van 's lands fregat van oorloge Hoorn, de beste maatregelen te bevaamen, ter verijdelinge der invasie, die de Elavongers, met de Boegineeschen en Maleijers vereenigd, op Riouw zouden mogen onderneemen; gelijk wij uwE. nog gelasten zig tot informatie en narigt te laaten dienen het Ex„ „tract uit de Notulen van het Geresolveerde in Raade van Indië op den 20. der gemelde maand Iuni, met de daar in aangehaalde bescheiden, deezen mede verzellende. Wij blijven na groete (Onderstond/ UwE. Goede Vrienden (Getekend) L. G. de Bruijn, en A. Caupe„ „rus (in margine) Malacca in het Casteel den 28. Juli 1788. Aan res„ Secreet van den koomen Christiaan Godfried Baumgarten, Resident Discreete, Eerzaame, § 1. Schoon wij uit UwE: seereeten brief van den 15. deezer ge„ „zien hebben, dat de inhoud van het door UwE. Predecesseur sul 15. Iuli laastleden ons toegezonden Relaas door een ieder, die van elders kwam, tegengesprooken, dog uwE. daarentegen berigt was, dat zig op Linga alles in rust bevondt, en, schoon wij ook met uwE. willen supponeeren, dat het voorgeeven der met veertig vaar„ „tuigen voor Mampauwa geweest zijnde Clanongers van zig te zullen conjungeeren met andere vijftig vaartuigen, die reeds in de straat Banca waren, wel ligt eene enkelde groodspraak kon weezen, agten wij egter noodig UwE. eene gestadige waak„ „zaam- en gereedheid om gebruik te maaken van de met den Heer Capitein Drillinger beraamde schikkingen ter verijdelinge eener nnvasie op Riouw nader op het ernstigste te recommandeeren. § 2. De redenen, door UwE. geavanceerd voor de verplaatzing en verbetering van des Residents wooning, zijn ons en den Raad van Politie zoo aanneemelijk voorgekomen, dat wij besloo„ „ten hebben UwE. te qualificeeren, gelijk wij UwE. qualificeeren bij deezen, om zoo dra het zonder prejudicie kan, aan het hel„ „len van den berg van Tanjong Pinang, onder het geschut en Riouw op
English
at an almost equal distance from both the Forts, according to Your Honour's proposal, to have a dwelling built of timber for Your Honour and your successors in time, provided with locks and bolts, yet roofed with atap, and after its completion to sell Your Honour's present dwelling for the benefit of the Company. Paragraph 3. The soldier Pieter van Dijk, brought hither in irons on the bark de Waaker, shall be severely punished here, sent to Batavia, and a request shall be made to the High Government to banish him elsewhere for life as a faithless, rebellious, and harmful subject; of which Your Honour may let the Garrison be informed through the Lieutenant Commandant of the Militia Amelong, as a deterrent to others; while we order Your Honour no longer to send hither the common soldiers who henceforth absent themselves from the Garrison and are overtaken, but to have them run the gauntlet there itself three or more times, according to what they have deserved, and subsequently to let them serve in the Garrison again, unless there should be a notable objection against their retention. After greetings, we remain, (was undersigned) Your Honour's Good Friends (Signed) P. G. de Bruijn, and A. Couperus (in the margin) Malacca in the Castle, the 27th of September 1788 Agrees 1p To Saak E. G. Klerk 5 Secret To the Merchant Christiaan Godfried Baumgarte Resident Discreet, Honourable, Paragraph 1. Although we have seen from Your Honour's esteemed letter of the 15th of this month that the contents of the account sent to us by Your Honour's predecessor on the 15th of July last was contradicted by everyone who came from elsewhere, but Your Honour on the contrary reported that everything on Linga was at peace, and, although we also want to suppose with Your Honour that the assertion of the Lanun who had been before Mampauwa with forty vessels that they would join with another fifty vessels that were already in the Strait of Banca might easily be a mere boast, we nevertheless deem it necessary to recommend most earnestly to Your Honour a constant vigilance and readiness to make use of the arrangements devised with Captain Drillinger to foil an invasion of Riouw. Paragraph 2. The reasons advanced by Your Honour for the relocation and improvement of the Resident's dwelling have appeared so acceptable to us and the Council of Policy that we have resolved to authorise Your Honour, as we authorise Your Honour hereby, as soon as it can be done without prejudice, at the foot of the hill of Tanjong Pinang, under the artillery of Riouw, at an almost equal distance from both the Forts, according to Your Honour's proposal, to have a dwelling built of timber for Your Honour and your successors in time, provided with locks and bolts, yet roofed with atap, and after its completion to sell Your Honour's present dwelling for the benefit of the Company. Paragraph 3. The soldier Pieter van Dijk, brought hither in irons on the bark de Waaker, shall be severely punished here, sent to Batavia, and a request shall be made to the High Government to banish him elsewhere for life as a faithless, rebellious, and harmful subject; of which Your Honour may let the Garrison be informed through the Lieutenant Commandant of the Militia Amelong, as a deterrent to others; while we order Your Honour no longer to send hither the common soldiers who henceforth absent themselves from the Garrison and are overtaken, but to have them run the gauntlet there itself three or more times, according to what they have deserved, and subsequently to let them serve in the Garrison again, unless there should be a notable objection against their retention. After greetings, we remain, (was undersigned) Your Honour's Good Friends (Signed) P. G. de Bruijn, and A. Couperus (in the margin) Malacca in the Castle, the 27th of September 1788 Agrees 1p To Saak 5 E. G. Klerk Secret 6 Malacca Pieter Gerardus de Bruijn, Governor and Director on behalf of the General Dutch Chartered East India Company of the town and Fortress of Malacca, as well as the jurisdiction thereof. To the Right Honourable Sir, Right Honourable Sir, Paragraph 1. A rumour is circulating here that Sultan Mahmud has received a letter from Raja Ali, in which that wanderer made known to the Johorean Prince his intention to join him as soon as the said Sultan shall have returned to Lingga; and although it is said that he does not have a large following at Kantang, it is nevertheless maintained that he is still provided with money and bar gold; therefore, although I cannot vouch for the certainty of these reports, I nevertheless considered myself obliged to communicate the same to Your Honour. Paragraph 2. And furthermore to supply to the same the statement of the master of the Canton junk that arrived here on the 29th ultimo, that while lying at anchor off Pulau Aur, two small prahus from Pahang, each manned by 4 Malays, had come to him and invited him to enter the river with his junk, with the offer that they would richly supply him with pepper, tin, binding rattans, and black ebony, saying that because at Riouw
Dutch transcription
op eene sijnae evenwijdige distantie van beide de Forten, naar UwE. voorstel, voor UwE. en zijne successeuren in der tijd eene woo„ „ning van planken te laaten optimmeren, met sloten en gren„ „dels voorzien, dog met atap gedekt, en na derzelver voldooij„ „nig UwE. presente wooning ten behoeven van de Compagnie te ver„ „koopen. § 3. De soldaat Lieter van Dijk, met de bark de waaker ge„ „boeid herwaarts overgebragt, zal hier strengelijk afgestraft, naar Batavia gezouden, en aan de Hooge Regeering verzoek gedaan worden om hem als een trouwloos, opvoerig, en schaade„ „lijk subject elders advitam te willen bannen; waar van UwE. door den Luitenant Commandant der Militie Amelong aan het Garnisoen kan laaten kennis geeven, tot afschik van anderen: terwijl wij UwE. gelasten om de gemeene Mili„ „tairen, die zig voortaan van het Garnisoen absenteeren en ag„ „terhaald worden, niet meer herwaarts te zenden, maar daar zelfs drie - of meermaalen, naar maate zij het verdiend hebben, door de Spitsvoede te laaten loopen, en vervolgens weder in het Garnisoen te laaten dienst doen, ten zij tegen hunne aanhouding eene notable bedenkelijkheid mogte weezen. Wij blijven na groete (onderstond) UwE. Goede Vrienden (Getekend) L. G. de Bruijn, en A. Couperus (in margine) Malacca in het Casteel den 27. September 1788 Accordeert pt Aan saak en Mar 1 en da zing ren. waak„ aak oo„ eren hel„ ter t E. G. Klerk 5 Seever van den kooman Christiaan Godfried Baumgarte Resident Discreete Eerzaame, § 1. Schoon wij uit UwE: Leweten brieff van den 15. deezer „zien hebben, dat de inhoud van het door UwE. Predecesseur I 15. Iuli laastleden ons toegezonden Relaas door een ieder,d elders kwam, tegengesprooken, dog uwE. daarentegen berig„ dat zig op Linga alles in rust bevondt, en, schoon wij ook uwE. willen supponeeren, dat het voorgeeven der met veertig „tuigen voor Mampauwa geweest zijnde Clanongers van zig zullen conjungeeren met andere vijftig vaartuigen, die re in de straat Banca waren, wel ligt eene enkelde groote kon weezen, agter wij egter noodig UwE. eene gestadige „zaam- en gereedheid om gebruik te maaken van de met den Capitein Drillinger beraamde schikkingen ter verijdelingee invasie op Riouw nader op het ernstigste te recommandeer § 2. De redenen, door UwE. geavanceerd voor de verplaat en verbetering van des Residents wooning, zijn ons en Raad van Politie zoo aanneemelijk voorgekomen, dat wij „ten hebben UwE. te qualificeeren, gelijk wij UwE. qualifi bij deezen, om zoo dra het zonder prejudicie kan, aan het „len van den berg van Tanjong Pinang, onder het geschut Riouw op op eene bijna evenwijdige distantie van beide de Forten, naar UwE. voorstel, voor UwE. en zijne successeuren in der tijd eene woo„ „ning van planken te laaten optimmeren, met sloten en gren„ „dels voorzien, dog met atap gedekt, en na derzelver voldooij„ „nig UwE. presente wooning ten behouven van de Compagnie te ver„ „koopen. § 3. De soldaat Lieter van Dijk, met de bark de waaker ge„ „boeid herwaarts overgebragt, zal hier strengelijk afgestraft, naar Batavia gezonden, en aan de Hooge Regeering verzoek gedaan worden om hem als een trouwloos, opvoerig, en schaade„ „lijk subject elders advitam te willen bannen; waar van UwE. door den Luitenant Commandant der Militie Amelong aan het Garnisoen kan laaten kennis geeven, tot afschik van anderen: terwijl wij UwE. gelasten om de gemeene Mili„ „tairen, die zig voortaan van het Garnisoen absenteeren en ag„ „terhaald worden, niet meer herwaarts te zenden, maar daar zelfs drie - of meermaalen, naar maate zijn het verdiend hebben, door de Spitsroede te laaten loopen, en vervolgens weder in het Garnisoen te laaten dienst doen, ten zij tegen hunne aanhouding eene notable bedenkelijkheid mogte weezen. Wij blijven na groete (Onderstond) UwE. Goede Vrienden (Getekend) L. G. de Bruijn, en A. Couperus (in margine) Malacca in het Casteel den 27. September 1788 Accordeert 1p Aan Saak 5 E. G. Klerk Secreet 6 Malacca Pieter Gerardus de Bruijn, Gouverneur en Directeur wegens de Generale Nederlandsche Geoctro„ geerde Oostindische Compagnie der staden Fortresse Malacca, mits¬ gaders den resorte van dien Aan den WelEdelen Gestrenge Heer WelEdele Gestrenge Heer. §1. Hier loopt een gerugt dat sulthan Machnoot een brief ontvangen heeft van Radja Ali, waar bij dien zwerver aan den Johorschen Vorst zijn voor neemen heeft te kennen gegeven om zoodra gemelde sul„ than te lingen zal zijn teruggekeerd; zij bij hem te zullen vervoegen; en of schoon men zegd dat hij te kantang geen grooten anhang heeft, wil men egter dat hij van gelden stafgoud nog voorzien is, daen hoe wel ik voor de zekerheid dier tydingen niet kan instaan, heb ik mij egter verpligt geagt dezelve aan Uwe Wel-Edele Gestrenge te moeten bedeelen. §2. En aan Hoogst dezelve nog te suppediteeren het gevelateerde van het Hoofd van de op den 29. passa„ to hier gearriveerde Cantonsche Jonk, dat hij onder Poeloe Huwer ten anker leggende twee klijne praauwen van Puhan, ieder bemand met 4. Ma„ leijers, bij hem gekomen waren en genodigd hadden met zijn Jonk de Revier binnen te ƒ loopen, met aanbood van hem rijkelijk met P=r per Tin, Bindrottings en Zwaart Ebbenhout te zullen voorzien, zeggende dat de wijl te Riouw
English
Riouw where honest Chinese dwell, he would find a bad market and obtain no returns, but that he thanked her and continued his course hitherward. I have the honour to remain with deep respect, Below stood: Right Honourable Sir; Lower: Your Right Honourable's humble servant; signed: P. Ruhde; in margin: Riouw the 5. April 1758. To the Right Honourable Sir, Pieter Gerardus de Bruijn, Governor and Director on behalf of the General Dutch Chartered East India Company of the city and Fortress Malacca, as well as the jurisdiction thereof. Right Honourable Sir, P. 3. In order to supply Your Right Honourable with my thoughts on the manner in which the Sultan of Johor and his Council of State might best be punished for the treason committed, may I be permitted to testify to Your Right Honourable that in this matter nothing would be so desirable as that one could attack and destroy those faithless people in their hiding places with hope of a favourable success; but since they, through strict vigilance, make it impossible, and upon the first news of our approach would immediately take flight to Indragirij or Jambi and run inland there, it would, with submission to Your Right Honourable's more discerning judgement, in my humble opinion be most advisable to leave them to their fate, as the poverty they suffer is an essential chastisement for them, provided only that it can be assured that they raise no following to attempt the recapture of this island so dearly beloved by them, or obstruct navigation in this strait through piracies. §4. As far as I have been able to investigate, the 42 vessels that attacked the Honourable Company's possession were Ilanuns, who, as the rumours have it, came from there and first called at Sembilan; upon their departure from here they divided into two squadrons, the first of which returned to their country with the sloop Johanna and the found cannon, and the second, after having roamed around Riouw for some time, left this island for a short while, thereafter returned, captured a Chinese vessel arrived here from Samarang, and finally disappeared, without any of the Chinese being able to inform me which route they took. §5. But whether the Sultan of Pontianak, according to the pretension of Radja Hum, sent his emissaries to ask the peoples of Ilanun for help to help him attack Mempawah, and whether the King of Bone had any part in the enterprise here, I cannot discover, since no inlanders stay here from whom I can gather information; but in general the Chinese assure that after my departure from here they heard that when Sultan Machmoet departed for Malacca with his three Councillors in the year 1786, he simultaneously sent the Malay Salip with a letter to the Sultan of Ilanun, requesting him to help expel the Company's garrison from here, and that the principal inhabitants as well as most chiefs were ignorant of this, and it is added that many murmured about this in public. §6. An uncertain rumour, originating from a tale told to the Chinese by some wandering Rayats, has it that about fifteen days ago Radja Ali passed this island with ten small kakaps and, according to the Rayats' guess, set course for Lingga. I have the honour to remain with deep submission, Below stood: Right Honourable Sir; lower: Your Right Honourable's humble servant; signed: P. Ruhde; in margin: Riouw the 18. May 1758. To the Right Honourable Sirs, Pieter Gerardus de Bruijn, Abrahamus Couperus, Outgoing and Incoming Governors and Directors on behalf of the General Dutch Chartered East India Company of the city and Fortress Malacca, as well as the jurisdiction thereof. Right Honourable Sirs, §7. A certain Chinese inhabitant here, fleeing these days from the island of Lingga and having returned, has, besides what was noted in his given account of the 13th of this month, further related that Sultan Machmoet was preparing to depart for Indragirij in order to conclude a marriage there between Radja Saphar, son of the late Radja Hadjie, and the daughter of the Sultan of Indragirij. §8. As regards his report that an amount of five thousand men were supposed to be at Lingga, it appears to me, subject to correction, to be exaggerated, as I cannot conceive whence such a considerable force would obtain its subsistence, while the reports received earlier indicate that Radja Ali crossed over from Siantan to Lingga with only a few small vessels and consequently also with a small force, and that his family remained on the first-mentioned island; while the statement that 200 vessels lay ready at Belitung to help Sultan Machmoet in his intended expedition against Malacca likewise requires confirmation; but since the Chinese Hap has expressed to me his desire
Dutch transcription
Riouw naar eerlijk Chineezen woonen hij 'er oose een slegte markt treffen en geen retouren krijgen zal, dog dat hij haar bedankt en zijne cours her„ waarts voortgezit heeft, Ik hebde Eer met diepen Eerbied te verblijven /Onderstond:/ Wel Edele Gestrenge Heer /:Lager/ U„ wel-Edele Gestrenge onderdaanigen Dienaar /:ge„ tekend: /: P: Ruhde /:in margine:/ Riouw den 5. April 1758. Aan de Wel Edele Gestrenge Heer, Pieter Gerardus de Bruijn, Gouverneur en Directeur wegens de Generaale Nederlandsche Geoctroijeerde Oostindische Com¬ pagnie der stad en Fortresse Ma„ lacca mitsgaders den resor„ te van dien Wel-Edele Gestrenge Heer, P. 3. Om aan U wel-Edele Gestrenge te suppe„ diteeren mijne gedagten over de wijze op welke den sulthan van Johor en zijne Rijksraader over het geplegd verraad best zouden kunnen worden gestraaft, zij het mij vergund aan U„ wel-Edele Gestrenge te betuigen, dat in dee„ zen niets zoo winschelijk waare als dat men die trouwloozen met hoop van een gunstig Luc„ erss, in haare schuilhoeken kon antustin Licreet en 8 en verdelgen, dan daar zij het door eene stipte waakzaamheid en mogelijk maaken, en op de eers„ te tijding van onze aannadering ter stondde vlugede na Indragirij of dambijneemen, en daar landwaarts inloopen zullen zoude het, met onderwerping aan„ Uwer Wel-Edele Gestrenge doorzigtiger ordeel mijns geringen inzien raadzaamst wezen hun aan haar n2 tot over te laaten, nadien di aarmoede die zij lij„ den eene weezentlijke kastijding voor haar is, indien maar verzekerk zijn kan dat zij geen aanhang maaken om de heerneeming van dit bij haar zoo zeer geliefd Eiland te beproeven, of door Jeeroverijen de vaart in deze straat te be„ lemmeren 34. zoo veel ik het kunnen navorschen zijn„ de 42. vaartuigen welke in Ho: passiete Comps. Bezitting geattaqueerd hebben Ela nongers ge„ wiest, die zoo de gerugten willen van daar ge„ komen en eerstte summelan aangeweest zyn; bij hun vertrek van hier in twee smaldeelen zig verdeeld hebben, waarvan de eerste met ter de sloep Johanna en het gevonden canon naar hun land geretourneerd, en het tweede na eeni„ gen tijd rondom Riouw gezworven, dit Eiland voor een korte poos verlaaten hebben, daar na wedergekeerd een van Samarang hier gear„ riveerd Chinees vaartuig genomen en einde„ lijk verdwienen zijn, zonder dat iemand van de Chineeschen mij kan opgeven welke route, zij genomen hebben. §5. Dan of de sulthan van Pontiana Su„ riet volgens het voorgeven van Radja Hum zijne zendelingen, de volkeren van hlarong om hulpgevraagd heeft hem Mampauwa te helpen attaqueeren, en of de koning van Bonc 21„ dee¬ n Luc„ asten en M 2 Bonceenig deel gehad heeft in de ondernee„ ming op hier kan ik niet ontdekken, gemerst hier geene onlanders zig onthouden, bij wir ik de informatien kan inneemen, maar in het algemeen verzckeren de Chineeschen dat zij na mijne wijk oan hier, gehoord hebben dat wanneer sulthan Mackmo„ it met zijne drie Raaden in den Jaare 1786. naar Ma¬ lacca vertrok, hij gelijktijdig den Maleijer salip met een brief aan den sulthan van Elanong heeft gezon„ den, dien versthe verzoeken, hem de Bezetting van „helpen de Compagnie van hier te „ verdrijven, en dat de voornaamste Ingezetenen zoo wel als de meeste Vors„ den daar van onkandig zijn geweest, en men voegd daar bij, dat veele hier over in het openbaar gemurmu„ veerd hebben. 36. Een onzeker gerugt wil, voortkomende uit een verhaal van eenige omzwervende Rajats aan Chineeschen gedaan, dat omtrend vijftien dagen geleden Radja Alimet tien kleine kakaps voor bij dit Eiland gepasseerd is in na der Rajats gissing de caurs naar lingen heeft gesteld. Ik het de Eer met diepe submissie te blijven. /:Onderstond:/ Wel-Edele Gestrenge Heer /:lager:/ Uwel= Edele Gestrenge onderdaanigen dienaar /:getekend:/ D. Runde /:in margine:/ Riouw den 18. Mai 1755. Aan de Wel Edele Gestrenge Heeren Pieter Gerardus de Bruijn, Abrahamus Couperus Afgaande en Aankomende secreet Gou en 8 10 Gouverneurs en Directeurs wegens de Generaale Nederland de sche Geoctroijeerde Oostindische Jan Compagnie der Had en Fortres„ je Malacca mitsgaders den Re„ sorte van dien Wel-Edele Gestrenge Heeren §7. zekeren Chineesen inwoonder alhier deezer dagen van het Eilandlingen vlugtende, te rug geko„ men, heeft buiten het genoteerde in zijn gegeven Re„ laas van den 13. deezer nog verhaald, dat Luthan Mach„ moet gereedheid maakte naar Indragirij te ver„ trekken om aldaar een huwelijk te sluiten tus„ vot, schen Radja Saphar, zoon van wijlen Radja Hadjie, en de Dogter van den sulthan van Indrugirij. 35. Wat zijn navri betrefd, dat te lingen eene En aantal van vijf duizend Man zig zouden bevinden komt mij (ondercorrectie) voor bij vergrooting te t zijn opgegeven, wijl ik niet kan uitdenken van waar zoo een aanzienlijke magt haar subsis„ tentie krijgen zou, terwijl de te vooren ingeko„ men Berigten medebrengen, dat Radja Ali sligts met eenige wienige klijne vaartuigen en gevolgelijk ook met een geringe magt van Siantang naar lingen is overgestooken en dat Deszelfs Ja„ milie op het eerstgemelde Eiland is verbleven terwijl het aangehaalde dat te Blitong 200. vaartui„ gen klaarlagen om sutthan Machmoet in zijn te doene expeditie tegen Malacca te hel¬ pen, almede confirmatie vereischt, dan na¬ dien den Chinees Hap bij mij zijn verlangen 441 heeft
English
has made known that he would gladly cross over to Malacca in order, if desired, to provide further clarification of the situation in Lingga, the Right Honorable and Severe Lord Kuwel was so good as to grant him passage thither on the national frigate of war the Valk. I have the honor to remain with the deepest respect. Was signed: Right Honorable and Severe Lords, lower: Your Right Honorable and Severe's humble servant, signed: D. Ruhde. In the margin: Riau, the 15th of July 1788. To the Right Honorable and Severe Lords Pieter Gerardus de Bruijn, Extraordinary Councilor of the Dutch East Indies, as well as outgoing, and Abrahamus Couperus, incoming Governor and Director of the City and Fortress of Malacca with its Dependencies. Right Honorable and Severe Lords, Section 9. I hereby express to Your Right Honorable and Severes my due gratitude for the favorable communication alongside Your Right Honorable and Severes' honored secret letter of the 28th of July last, of the copies, both of the writing by the Junior Merchant and Secret Huijsuart under date of 30 June preceding, and of the Extract from the Minutes of the Resolution in the Council of the Indies on the 20th of the same month of June, as well as the documents cited therein, while, in dutiful compliance with Your Right Honorable and Severes' command, I have immediately entered into conference with the Right Honorable and Severe Lord Captain Commandant here, J. E. Drillinger, concerning the devising of the best measures to thwart the invasion that the Ilanuns, united with the Bugis and Malays, might undertake against this place, and in concert with his Honor have made such arrangements as were judged necessary and practicable, although the contents of the Account sent to Your Right Honorable and Severes under date of 15 July by my predecessor, the Honorable Ruhde, was and still is contradicted by everyone who from time to time arrived from elsewhere, and we therefore must assume that the forty Ilanun vessels that were before Mampawa have been prevented by contrary winds or other accidents from continuing their voyage to Lingga and other regions around Riau, and the report that a squadron of fifty vessels was already in the Banka Strait with which they wished to join was perhaps a mere boast. Section 10. The latest reports that I have been able to obtain state that all is quiet on Lingga and that there, and on Pulau Bulang and elsewhere, is a great scarcity of foodstuffs and other necessities, as well as that Raja Ali, after leaving his family behind at Singora and having betaken himself to Lingga to Sultan Mahmud, fell into disagreement with that Monarch, and furthermore departed for Selangor with the six or seven small baloos and kakaps he brought with him; that Raja Temenggong still remained on Pulau Bulang or Batu Hitam and his force consisted of one large and eighteen to nineteen small penjajaps, the first of which he himself commanded with six cannon and the remainder mounted merely with a few swivel guns, whereof now and then a small detachment departed and sometimes returned with one or two captured native vessels. Section 11. The far remoteness of both the Forts, the insecurity with the consequences that, in the event of any hostile attack on my lodging, where I with the guard I have with me can be utterly cut off from both forts, might arise therefrom for the entire Possession, and the poor construction of this provisional dwelling of mine, standing as it does on an unprotected square below a hill overgrown with woods and shrubs, without any defense, open to every ill-disposed person, and being partitioned with single, easily combustible kajang mats through which one can put one's hands anywhere and make oneself a sufficient opening without making noise, obliges me humbly to petition that, as soon as it can be done without notable detriment to the fortification works, I and those who in time come to succeed me here as Resident may be permitted to have a more suitable dwelling constructed, although covered with atap, yet provided with wooden partitions and proper locks and bolts, on the slope of Mount Tanjung Pinang under the cannon and at an almost equal distance from both the forts, at a short distance to the south-southwest of the western extremity of the
Dutch transcription
heeft te kennen gegeven, van geern naar Malai„ ca te willen overvaaren, om des begeerd wordende, een nader opheldering van Lingens situatie te geeven, heeft de Wel Edle Gestrengen Heer kuwel de goed„ heig gehad hem met 't lands fregat van oorloge de Vulk passage na derwaarts te verlienen. Ik het de Eer met de diepste Eerbied te verblijven Onderstond) Wel-Edele Gestrenge Heeren (:lager:/ Uwer Wel Edele Gestrenge ootmoedigen Dienaar /:gete„ kend:/ D. Ruhde /:in margine:/ Riouw den 15: Juli 1738. Aan de Wel-Edele Gestrenge Heeren Pieter Gerardus de Bruijn, Raad Extraordinair van Neder„ lands Indie, mitsgaders Afgaarde en Abrahamus Couperus, Aankomende Gouverneur en Directeur der Stad en Fortresse Malacca met dies Resort Wel-Edele Gestrenge Heeren §9. tsz betuig Uwer Wel-Edele Gestr: mijne ver schuldigde dankbaarheid voor de gunstige me„ de deelinge nevens Uwer WelEd . Gestr: geerden sucreeten brief van den 28. Iulill:, der copien, zoo van het schrijven door den Onderkoopman Secriet Hu„ 12 suart, sub dato 30 Juni bevoorens, als van het Ex„ 1 tract uit de Notulen van het Geresolveerde in Raade van Indie op den 20: derzelfde maand Juni mede daar in aangehaalde bescheiden, terwijl ik ter verpligs„ te opvolging van Uwer Wel Ed. Gestr: bevel direct met den Wel-Edelen Gestrengen Heer Capitein Com„ mandant alhier I. E. Drillinger in conferentie ben getreden over het beruamen der biste maatregelen ter verijdelinge der invasie, die de Elanongers, met de Boegineeschen en Maleijers vereerigd, op dieze plaats zoude mogen onderneemen, en diconeert met zijn Wel„ Ed: zoodanige schikking gemaakt heb, als noodigen uitvoerlijk geordeeld wierden, hoe wel de inhoud van het door mijnen Predecesseur den E. Ruhde Uwer Wel-Edele Gestrenge subdato 15. Juli toege„ zonden Relaas door elk die van tijd tot tijd van elders kwamen wedersprooken was en nog wierdt, en wij derhalven veronderstellen moeten dat de voor Mampauwa geweest zijnde veertig Elaerong„ sche vaartuigen door tegenwind of andere toevallen, beletzijn geworden hunne reize naar lingijen andere contrijen omtrent Riouwvoort te zet„ ten, en het verhaal dat 'er een Esquader van vijftig vaartuigen reeds in straat Banca was met welke zij zig wilden conjungeeren wil leijt een enkelde grootspraake was. §10. De jongste berigten die ik heb kunnen be„ komen, luiden dat op lingij alles in rusten daar, en op Poeloe Boelang en elders een groote schaarsheid aan levensmiddelen en andere be„ koeftens, mitsgaders Radja Alidix na zijne familie te singora agtergelaaten, en zig naar lingij bij den sulthan Machmoet begee„ oer te hebben, met dien Vorst in verschil geraakt en alai„ en voorts met zijne medegebragte zch uzeven klij„ ne baloorsen kakaps naar Slange noor vertrok„ ken was, dat Radja Tommojong nog op Poeloe Boe„ lang of Batoe urang zig onthield en zijne magt bestond, in een groote en agtien a negentien klijne panjajabs, de eerste die hij zelfs voerde met zes Ca„ nonh en de oorrigen eenlijk met weinige van takken gemonteerd, waar van nu in dan een smaaldeel vertrok en Lomtijdz meteen a twee overmees„ terde inlandsche vaartuigen wederkeerde. §. 11. De veroe afgelegenheid van beide de Forter de onveiligheid met de gevolgen, die bij eenige vijandelijke aanvanding van mijn logies, daar ik met de bij mij hebbende wagt van beide de forten finaal kan worden afgesneeden, daar uit voor de gansche Bezitting zouden kunnen spruiten en de slegte constructie van deeze mijne provi„ sioneele wooning, als staande op een onbeschermd plein onder eenen met bosch en vuigtens begrou„ den Heuvel zonder alle difersie voor ieder kwaad¬ willigen open, en zijnde met enkelde ligt vuur vattende kavimatten beschot door welke men ooveral de handen steeken en zig een genoegzaa me opening zonder gerugtmaaken kan, verpligt mij ootmoedig te suppliceeren om zoo spoedig als het zonder merkelijke benadeeling der fortifica„ die werken geschieden kan voor mij en hun welken in der tijd mij als Resident hier komen te succedeeren, eene geschiktere wooning hoe wel met aduepgedekt, egter met planken beschotten en behoorlijke slooten en grendels voorzien te mogen laaten optimmeren, aan het heblen der Berg Tanjong Pinang onder het geschut en op eene bijna evenwijdige destantie van beide de forten, op een kort bestek ten Zuidzurd westen van den Westelijk Hen uithoek van het
English
the lower fort, and slightly below the gate of the upper fort, where the mountain has so little slope that with little effort and expense a plateau can be made large enough for the purpose, and the rainwater coming from the upper part of the mountain and from the fort and this ditch can very easily be diverted sideways, while no one can pass without going along the lower fort and the fire from above, yet without needing to enter either of them to speak with me; and with Your Right Honourable and Gallant Worships' pleasure, after the completion of this permanent Resident's residence, the provisional one which I currently occupy may be sold to the highest bidding Chinese, wherefore I do not doubt that it will yield as much as was spent on its erection. Section 12. According to a report from the Lieutenant Commandant of the militia Amelong, before my arrival here, the soldier Pieter van Dijk had deserted three times from his sentry post, including once with his weapons; he was pardoned once because he returned on his own initiative, and the next two times, after the Right Honourable and Gallant Sir J. F. Wierts, Captain Commandant and Chief of the national Squadron in the Indies, had declared him an outlaw for everyone, he was nevertheless retaken alive and punished with a roeffa. Furthermore, on 25 August last, he ran away for the fourth time, was overtaken on 2 September following, and the next day, by order of the Right Honourable and Gallant Sir Drillinger, was punished with running the gauntlet as an example to the remaining rascals in the garrison, because he and some others had let it be known that one merely had to stay away for more than three days, at which point it became a matter for the Fiscal, and such a person had to be sent up to Malacca, where they were discharged with a flogging and at most a transfer to the rank of Sailor, which was nothing at all, while being able to become a soldier again elsewhere if it suited them better; and we were informed that the soldier Johan Hendrik Schoenmaaker, sent with the cutter De Patriot, when he was brought aboard in the boat, had laughed heartily at his shrewd invention of pretending he wanted to cut his throat in order to get away from a place where he was not pleased. But this severe correction has also had no effect on this faithless subject, for on the 10th of this month I received a report that he, Van Dijk, was gone again and had taken with him everything he could obtain from his comrades; yet, because by my arrangement he could find no hiding place with anyone, he wandered in the woods behind my dwelling day and night until the 13th instant in the afternoon, when he was seized while fleeing close to the same. Consequently, and because on the day before his fifth or last desertion he used expressions and in drunkenness uttered such language, which, although the latter cannot be sufficiently proven against him in court, nevertheless renders him sufficiently suspected of being capable not only of the greatest treason, but also of committing the most abominable and punishable outrages, I find myself obliged to send him now to Malacca under arrest, and securely shackled by order of the Right Honourable and Gallant Sir Drillinger, to be placed at the disposal of Your Right Honourable and Gallant Worships. I commend Your Right Honourable and Gallant Worships, along with the Company's precious interests, to God's unfailing protection, and consider it the greatest honour to be, with profound respect, Underneath stood: Right Honourable and Gallant Sirs; lower: Your Right Honourable and Gallant Worships' most humble and dutiful servant, signed: C. G. Baumgarten. In the margin: Riouw, 15 September 1785. Agrees: Hansaak First Clerk Copy Secret Letters Arrived and Sent to and from Pera Since 1 April until 31 October 1788. No. 10. Secret To the Ensign of the military Christoff Walbeehm, Commandant of the Company's Garrison at Pera Pious, Honourable, The Noble High Indian Government having permitted me to pay thirty-four Spanish reals for every bahar of tin delivered to the Company at Pera, I order Your Honour to make that payment henceforth as if Your Honour took the initiative yourself to promote a large collection, so that Your Honour may thus recommend yourself to the Court, and investigate whether this means will help to deter the Perak people from transporting tin to Pulau Pinang! I hope for a good effect from it, and remain, Underneath stood: Your Honour's Good Friend, signed: D. G. de Bruijn. In the margin: Malacca, in the Castle, 28 June 1788. Secret To the Ensign of the military Christoff Walbeehm, Commandant of the Company's Garrison at Pera Pious, Honourable, Having seen by Your Honour's undated secret letter of the month of July the answer that Sultan Muda had given to Your Honour upon Your Honour's representations at Court regarding the tin trade, and how the other grandees of the realm had subsequently expressed themselves on that subject; we can reply nothing other than that we must await the receipt of orders from the Noble High Indian Government to see whether they will not reconsider and come to their senses! Meanwhile, however, we order Your Honour to point out to the King and Sultan Muda on occasion that the request in their last letters to have forty-four Spanish reals per bahar of tin is so unreasonable that the Company will never agree to it, nor can it; and we also do not consider it necessary to reply to letters that sufficiently indicate that they wish to break the contract concluded with the Company, without realizing that their ruin and that of the realm might accompany it. We remain, after greetings, Underneath stood: Your Honour's Good Friends, signed: L. G. de Bruijn and A. Couperus. In the margin: Malacca, in the Castle, 15 August 1788. To
Dutch transcription
14 het beneden fort, en iets beneden de poort van het bovenfort, daar de Berg zoo weinig hellin heeft dat 'er met geringe moeite en kosten een vlakte groot genoeg tot het oogmerk gemaakt, en het van het bovenste gedeelte des bergs en uit het fort, en diet gragt komende regen water zeergemakkelijk ter zijde afgeleid kan worden, niemand zonder langs het beneden en het vuur van boven te passieren kan, en egter in geen van beiden om mij te spree¬ ken behoeft te komen, kunnende met Uwer Wel-Edele Gestr: believen na de ooltooijing van deeze permanente Residents wooning de provi„ fioneele die ik tan soccupiere aan een der miest„ biedende Chineeschen verkogt worden, wanneer ik niet twijfele of ze zal zoo veel verdeeren als ter haare oprigting bekostigd is. §12. De soldaat Pieter van Dijk is volgens Berigt van den Luitenant Commandant der militie Amelong, voor mijne komste hier, driemaal en daaronder eens met zijne wapens van zijne post op schildwagt gedeserteerd geweest, eens dewijl hij witeigen motief wederkeerde, gepardonneerd en de twee volgende reizen na dat hem voor de derde maal de Wel-Edele Gestrenge Heer J. F. Wierts, Capitein Com„ mandanten chef van 's lands Esquaderin Indie, hat vogelooij voor een ieder verklaard, dog levend wedergekregen wierdt met een roeffa afgestraft, voorts op den 25. Augustus E:l: voor de vierde maal weggeloopen „ den 2. september daaraan agtergehaald en den volgenden dag op order van den Wel-Edelen Gestr: Heer Drillinger ten exem pel van de overige deugnieten in het Garnihoen met de spitsgaarde gepoenierd, dewijl hij, en eenige andere zig hadden laaten verluiden dat men over de drie dagen zig maar beloofde te absinteeren, wanneer het een zaak van den Fiscaal was, en men den uiten E d H ƒ van ha de den zoodanigen naar Malacca moest opzinden, daar zij met een pakslagen en hoogsten heer de porte„ ment tot Matroos, dat nie men dal was, kunnen de elders daar het hun beter aanstond, dog weder soldaat worden, vrij kwamen, en wij onderrigt waren dat de met den kotter de Putrict verzonden soldaat Johan Hendrik Schoenmaaker toen hij in de schuit naar boord gebragt wierdt, hartelijs gelagchen hadt over zijne schrundere vinding, als of hij zig de keel wilde afsnijden, om van een plaats waar het hun niet behaagde wigte komen maar deeze scherpe correctie heeft ook geen invloed op di t brouwlooze subject gehadt, wart, den 10. deezerkreeg ik Rapport dat hij van Dijk weder weg was en alles wat hij kon bekomen van zijne makkers medegenomen hadt, dogj door mijne beschikking geene schuilplaats bij re„ mand kunnende bekomen, z worf hij in het bosch agter mijne wooning dagen nugt tot den 13. courant 'snamiddags toen hij na bij dezelve al vlugtende wierdt opgevat overzulks, en de„ wijl hij 's daagh voor zijne vijfde of laaste de¬ sertie uitdrukkingen gebruikt, en in doon„ kenschap zodanig een taalgevoerd heeft, die schoon hem dit laaste in regten voldoende niet kan beweezen worden, hem egter genoeg„ Jam verdagt maakt van in staat te zijn niet alleen tot de grootste trouwloosheid, maar ook tot het pleegen van de allerstraafwaar„ digste gruwelstukken, vinde ik mij ver„ pligt hem tans ter dispositie van Uwe Wel= Edele Gestr: in Arrest naar Malacca te Zer„ den, en wel geboeid op Order van den Wel= Edelen Gestr: Heer Drillinger. Ik beveel Uwe Wel-Edele Gestr: beneven s Comp: dien 16 dierbaare belangen in schooa sonveilbaare hoede en schat mij tot de grootste Erre met diep ont„ zag te zijn /:Onderstond:/ WelEdele Gestrenge Heeren (lager) Uwer Wel-Edele Gestr: onderdaanigsten en trouw„ schuldigsten Dienaar /:getekend:/ C. G. Baumgar„ ten /:in margine:/ Riouw:/ den 15. September 1785. Accordeert Hansaak eC: Klerk daar ier Copie Aangekomen Afgegaane en O Brieven Secreete Pera naar en van Sedert primo April tot ultimo October 1788. No. 10. Secreet Fr van den 22. Vandrig militair Christoff Walbeehm, Commandant van Comps. Bezetting Cera Vroome Eerzaame, De Edele Hooge Indische Regeering mij toegestaan hebbende om voor ieder baar tins, die te Lera aan de Compagnie geleverd wordt, vier en dertig Sp. reaalen te betaalen, beveel ik UwE. om die betaaling voortaan te doen even of UwE. daar toe uit zig zelff getreden is ter bevorderinge van eenen ruimen inzaam, op dat uwE. zig zoo aan het Hoff kan recommandeeren, en onderzoeken of dit middel helpen wil om de Levaeers van den vervoer van tin naar Poeloe Pinang af te trekken! Ik verhoop 'er een goed effect van, en blijf Onderstond) UwE. Goede Vriend (Getekend) D. G. de Bruijn (in margine:) Malacca in het Casteel den 28. Juni 1788. Secreet Aan den 28. Vaandrig militair Christoff Walbeerm, Commandant van Comps. Bezetting te Pera Kertaame te Vroome, Eerzaame, Bij UwE. ongedateerden secreeten brief van de maand Iuli gezien hebbende het bescheid, dat sulthan Moeda UmE. gegeven hadt op UwE. voorstellingen ten Hove nopens den tinhandel, en hoe de overige Rijksgrooten zig op dat sujet naderhand verklaard had„ „den; zoo kunnen wij daar op niets anders antwoorden, als dat wij tot den ontvangst der orders van de Edele Hooge Indische Re„ „geering moeten afwagten of zijn zig niet nader bedenken en tot inkeer komen zullen! dog beveelen UwE. intusschen den Ko„ „ning en sulthan Moeda bij gelegenheid voor te houden, dat het verzoek bij hunne laaste brieven, om voor de baar tins vier en veertig sp. reaalen te hebben, zoo onbillijk is, dat de Compagnie daar minner in bewilligen zal, nog kom, en wij ook niet noodig oordeelen op brieven te antwoorden, die genoeg aanduiden dat zij het met de Compagnie geslooten Contract ver„ „breeken willen, zonder te beseffen dat de ruine van hun en het Rijk daar mede gepaard zoude kunnen gaan. Wij blijven na groete (:Onderstond) UwE. Goede Vrienden (Getekend) L. G. de Bruijn, en A. Couperus (in margine) Malacca in het Casteel den 15. Augustus 1788. Aan
English
Secret From the Ensign of the military Christoff. Walbeehm, Commander of the Company's Garrison in Perak Pious, Honorable, We received your Secret letter of 26. August via the galley the Griffioen on the 5th of this month. We approve your conference held with the King and Sultan Moeda. Regarding the answer to that letter, we refer further to our Secret letter of 15. August. We order you once again to urge upon those rulers, on all occurring occasions, by appropriate yet at the same time urgent arguments, a better observance of the contract concluded between the Company and them. And we remain, with greetings, (Below stood) Your Good Friends (Signed) L. G. de Bruijn, and A. Couperus (in the margin) Malacca in the Castle, 15. September 1788. Secret To the Ensign of the military Christoff. Walbeehm, Commander of the Company's Garrison in Perak Honorable, Pious, The proclamation by gong-beat, which according to your secret letter of 21. September last the King has caused to be made, stating that the tin-smugglers would be punished with the loss of all their goods, was done, we think, with no other purpose than to make us believe the assurance, repeatedly given, that the King or the Grandees of the realm have no part in the smuggling trade; nevertheless, whenever you obtain certain information of the transport of tin again to Poeloe Pinang, you must present to His Highness that it is not enough to have a prohibition proclaimed, but that strict compliance with the same must also be ensured. We remain, with greetings, (Below stood) Your Good Friends (Signed) L. G. de Bruijn, and A. Couperus (in the margin) Malacca in the Castle, 10. October 1788. Agrees Van Saak C. G. Clerk Secret Malacca To the Right Honorable, Stern Lord Pieter Gerardus de Bruijn, Governor and Director of the city and Fortress there Right Honorable, Stern Lord, As soon as the galley the Griffioen arrived here with your Right Honorable's highly respected secret letter of 28. June, I immediately sent to ask His Highness for an audience, which he, on account of the new year, only granted to me on the 10th of this month. I conducted myself according to your Right Honorable's orders, feeling obligated on my own part to satisfy the Honorable Company as well as His Highness, whereupon His Highness looked at Sultan Moeda, who also answered me that even if I gave out of my own pocket 44 Spanish reals instead of 34, he could not send me anything sooner until our letter which we recently sent to Malacca has been answered, and secondly they had no cash on hand to purchase it. After I departed, the Grandees of the realm consulted again regarding the alliance with the Honorable Company, in which some persuaded Sultan Moeda to send me some tin, which he also promised, but only for this voyage, for otherwise he said that with those 34 Spanish reals Secret To the Ensign of the military Christoff Walbeehm, Commander of the Company's Garrison in Perak Honorable, Pious, The proclamation by gong-beat, which according to your secret letter of 21. September last the King has caused to be made, stating that the tin-smugglers would be punished with the loss of all their goods, was done, we think, with no other purpose than to make us believe the assurance, repeatedly given, that the King or the Grandees of the realm have no part in the smuggling trade; nevertheless, whenever you obtain certain information of the transport of tin again to Poeloe Pinang, you must present to His Highness that it is not enough to have a prohibition proclaimed, but that strict compliance with the same must also be ensured. We remain, with greetings, (Below stood) Your Good Friends (Signed) L. G. de Bruijn, and A. Couperus (in the margin) Malacca in the Castle, 10. October 1788. Agrees Van Saak C. G. Clerk Secret Malacca To the Right Honorable, Stern Lord Pieter Gerardus de Bruijn, Governor and Director of the city and Fortress there Right Honorable, Stern Lord, As soon as the galley the Griffioen arrived here with your Right Honorable's highly respected secret letter of 28. June, I immediately sent to ask His Highness for an audience, which he, on account of the new year, only granted to me on the 10th of this month. I conducted myself according to your Right Honorable's orders, feeling obligated on my own part to satisfy the Honorable Company as well as His Highness, whereupon His Highness looked at Sultan Moeda, who also answered me that even if I gave out of my own pocket 44 Spanish reals instead of 34, he could not send me anything sooner until our letter which we recently sent to Malacca has been answered, and secondly they had no cash on hand to purchase it. After I departed, the Grandees of the realm consulted again regarding the alliance with the Honorable Company, in which some persuaded Sultan Moeda to send me some tin, which he also promised, but only for this voyage, for otherwise he said that with those 34 Spanish reals
Dutch transcription
3 Sicreet van den Ze: veandrig mlitair Christoff. Walbeehm Commaidant van Comp. Bezetting Pera Vroome, Eerzaame, UwE. Secreeten brief van den 26. Augustus hebben wij per de galei de Griffioen den 5. deezer ontvangen. UwE. conferventie met den Koning en Suldhan Moeda gehouden approbeeren wij. Ons nopens de beantwoording van dien brief, nader refereerende aan onzen Lecreeten van den 15. Augustus. Wij beveelen UwE. nogmaals, om bij alle voorvallende gelegen„ „heden, door gepaste, dog teffens dringende redenen bij die vorstin aan te houden, tot eene betere observantie van het contract tusschen de Compagnie en hun geslooten. En blijven na groete (Onderstond) UmE. Goede Vrienden (Getekend) L. G. de Bruijn, en A. Couperus (in margine) Malacca in het Casteel den 15. sep„ „tember 1788. Aan te a Secreet Walbeerm, Vvan den 22: Marandrij milchier Christoff Commandant van Comps. Bezetting Cera Eerzaame, Vroome, De publiatie bij gomslag, die de Koning volgens UwE. se„ „creeten brief van den 21. September laastleden heeft laaten doen, dat de tinsluikers met verlies van alle hunne goederen gestraft zouden worden, denken wij met geen ander oogmerk geschied te weezen, als om ons geloof te doen geeven aan de betuiging, te meermaalen gedaan, dat de koning of de Rijksgrooten geen deel hebben in den smokkelhandel; dog UwE. moet egter, wanneer UwE. zeker narigt krijgt van den vervoer weder van tin naar Poeloe Pinang, zijnw Hoogheid voorgehouden, dat het niet genoeg is een verbod te laaten afkondigen, maar dat ook voor de stipte nakoming van het„ „zelve gezorgd moet worden. wij blijven na groete (Onderstond) Uw E. Goede Vrienden (Getekend) L. G. de Bruijn, en A. Couperus (in margine) Malacca in het Casteel den 10. Octo„ „ber 1788 Accordeert Van Saak C GC: Klerk O te Secreet Palacca Aan den Wel-Edelen Gestragen. Heer Pieter Gerardus de Bruijn, Gouverneur en Directeur der stad en For„ „tresse aldaar Heer, Wel-Edele Gestrenge „als Zoo haars de gali de Griffioeu met uwel -Edele Gestrenge veel ge„ „oespecteerden secreeten van den 28. Juni alhier gearriveerd was, heb ik direct bij zijne Hoogheid om audientie laaten vraagen, dewelke hij mijn wegen het nieuwe jaar eerst op den 10. deezer verleend heeft. Ik hebbe mijn volgens Uwel -Edele Gestr. orders onderhouden als wanneer ik voor mijn eigen daar toe verpligt was om zoo wel de E. Comp„e als zijne Hoogheid genoegen te doen, waar op zijne Hoogheid den sulthan Moeda aanzag die ook mij antwoorde, al gaf ik uit mijn eigen in plaats van 34, 44, spaans zoo kan hij mij niet eerder zenden tot dat onze brief dien wij onlangs na Malacca gezonden hebben beantwoord is, en tweedens hadden zij geen leggende gelden, om in te koopen. De Rijksgrooten hebben, nadien ik vertrokken ben weder d geraadpleegd, van wegens de bondgenoodschap met de E. Compe„ waarin eenige Sulthan Moeda hebben overreed om mij wat thin te zenden hetwelk hij ook beloofde dog maar voor deze rijs want anders heeft hij gezegd dat met die 34. Spaan„ reaalen t wE en zouden zen als als n igt n laaten het „ zijn dat Se„ Bruijn, H.O Octo„ 5 Seor Van den 2l. Vaandrig militair Christoff Walbeert Commandant van Comps. Bezetting Cera Eerzaame, Vroome, De publicatie bij gomslag, die de Koning volgens hu „creeten brief van den 21. September laastleden heeft laaten doen de tinsluikers met verlies van alle hunne goederen gestraft worden, denken wij met geen ander oogmerk geschied te weez om ons geloof te doen geeven aan de betuiging, te meerme gedaan, dat de Koning of de Rijksgrooten geen deel hebben smokkelhandel; dog uwE. moet egter, wanneer UwE. zeker krijgt van den vervoer weder van tin naar Loeloe Pinang, Hoogheid voorgehouden, dat het niet genoeg is een verbod te afkondigen, maar dat ook voor de stipte nakoming voor„ „zelve gezorgt moet worden. wij blijven na groete (Onderstond) Uw E. Goede Vrienden (Getekend) L. G. de Jo en A. rouperus (in margine) Malacca in het Casteel den 10. „ber 1788 Accordeert Van Saak C: G: Klerk O te Secreet 5 Malacca Aan den Wel-Edelen Gestregen. Heer Pieter Gerardus de Bruijn, Gouverneur en Directeur der stad en For„ „tresse aldaar Heer, Wel-Edele Gestrenge „als Zoo haars de gallie de Griffioeun met Uwel -Edele Gestrenge veel ge„ „respecteerden secreeten van den 28. Juni alhier gearriveerd was, heb ik direct bij zijne Hoogheid om audientie laaten vraagen, dewelke hij mijn wegen het nieuwe jaar eerst op den 10. deezer verleend heeft. Ik hebbe mijn volgens Uwel -Edele Gestr: orders onderhouden als wanneer ik voor mijn eigen daar toe verpligt was om zoo wel de E. Comp„ als zijne Hoogheid genoegen te doen, waar op zijne Hoogheid den sulthan Moeda aanzag die ook mij antwoorde, al gaf ik uit mijn eigen in plaats van 34, 44, spaans zoo kom hij mij niet eerder zenden tod dat onze brief dien wij onlangs na Malacca gezonden hebben beantwoord is, en tweedens hadden zij geen leggende gelden, om in te koopen. De Rijksgrooten hebben, nadien ik vertrokken ben weder geraadpleegd, van wegens de bondgenoodschap met de E. Compe„ waarin eenige Sulthan Moeda hebben overreed om mij wat thin te zenden hetwelk hij ook beloofde dog maar voor deze rijs want anders heeft hij gezegd dat met die 34. Spaan reaalen
English
reals run away without a new Contract, whereupon my representation which I presented to their people was deliberated, Radja Ketjil Besar and the Laksamana said that Sultan Muda must not believe that I acted on my own initiative, that something might well come of it in time, and he should never believe that they would raise their hands against the Honourable Company; they would much rather come to me at the Fort to let themselves be put in irons there until the storm blew over. The people, both high and low, are in fear of Sultan Muda's rule if it should happen that the King were to pass away, for trade is already poor at this time; the tin that they obtain from the mountains is confiscated by Sultan Muda, and he pays them with opium, textiles, and similar goods, which he prices at the most expensive rate, so that almost no one wants to go prospecting for tin anymore. With which I call myself in all humility (Beneath was written) Right Honourable Stern Sir (Lower) Your Right Honourable Stern's humble and obliged Servant (Signed) C. Walbeecq (In the margin) Lera the .. July 1788. To the Right Honourable Stern Gentlemen Pieter Gerardus de Bruijn Outgoing, and Abrahamus Couperus Secret Incoming Right Honourable Stern Gentlemen Your Right Honourable Stern's highly respected secret letter of the 15th of August has duly reached me. I conferred with the King and Sultan Muda on the 24th of this month regarding the order Your Right Honourable Stern sent to me. They first asked whether I had not received a letter from Your Right Honourable Stern for His Highness, whereupon I said that I hardly believed Your Right Honourable Stern would answer such a question as they had posed, nor could or would the Honourable Company consent to it, whereupon Sultan Muda said that His Highness had no other means, as the smuggling was too extensive and all passages stood open, that he was too powerless to stop the smuggling in the mountains, nor had the money to buy up the tin. If the people belonged to them, he would certainly be able to prevent it, but it was people from Queda and Patani who smuggle there, who, as soon as they have the tin outside the rivers, are paid 50 Spanish reals for each bahar there. I answered him that it was unbelievable that so much money was paid for unrefined tin, but that I was quite willing to believe that it was a fabricated rumor spread by his subjects to spur the Honourable Company to a higher price; and if they had asked a reasonable price, Incoming Governor and Director of the City and Fortress of Malacca I believed that Your Right Honourable Stern would not have refused it, and I would still consider it more advisable if they were to send one of their dignitaries to Malacca to present their affairs and circumstances to Your Right Honourable Stern there; but if they will not depart from the high price, it might well result in great harm to country and people. Whereupon Sultan Muda said that it was utterly impossible for them to deliver the tin to the Honourable Company for less than 44 Spanish reals, and that he was assured that the smugglers were paid 50 Spanish reals for the tin. As I could obtain no answer on the other points, I asked His Highness whether there was any of his orders, to which he answered no, whereupon I took my leave. With which I have the honour to call myself. (Beneath was written) Right Honourable Stern Gentlemen (Lower) Your Right Honourable Stern's humble and obliged Servant (Signed) C. Walbeehm (In the margin) Lera the 26th of August 1788. To the Right Honourable Stern Gentlemen Pieter Gerardus de Bruijn, Outgoing, and Abrahamus Couperus, Incoming Governor and Director of the Secret City Right Honourable Stern Gentlemen Your Right Honourable Stern's highly respected secret letter of the 15th of September duly reached me on the 19th of this month. After the galley the Griffioen had departed, the King, by beating of the gong, had all smuggling of tin prohibited under whatever pretext it might be, on pain of forfeiture of their goods. I shall not fail, as soon as any opportunity presents itself, to observe Your Right Honourable Stern's highly respected orders. I must further communicate to Your Right Honourable Stern that Sultan Muda has been appointed as Junior King, but they have not yet caused me to be notified of it. Furthermore I take the liberty to call myself with the deepest humility (Beneath was written) Right Honourable Stern Gentlemen (Lower) Your Right Honourable Stern's humble and obliged Servant (Signed) C. Walbeehm (In the margin) Lera the 21st of September 1788. G. van Saak Honourable Company Clerk City and Fortress of Malacca with its Dependencies. Agrees
Dutch transcription
reaalen zoo heen loopen zonder een nieuw Contract, waar op mijne voorstelling die ik hun lieden heb gegeven overlegd zijn, hebben raadje kitjeel Bazaar en den Layamana gezegd, dat sulthan Moe„ „da niet moestgelooven dat ik het uit mijn eigen deed dat 'er „wel wat met 'er tijd van komen mogt, en hij moest nooit gelooven dat zij zouden de handen aan de E. Comp„e uit steeken veel liever zouden zij bij mijn aan 't Ford gaan om zig aldaar in de „ voor boeijen laaten sluiten tot dat de Storm „ over was. Het volk zoo groot als klijn, zijn in vreeze indien het kwaem te gebeuren, dat den Koning zoude met den doode afgaan, voor sulth Moeda zijne Regeering want de neering is bij deeze tijd reeds slegt, het thin wat zijn uit het gebergte haaben neemd sulkhan Moeda af en betaald hun met amphioen, kleedjes en diergelijke goederen meer, hetwelk hij op het duurste in de prijs zet, dat ook vast niemand meer thin wil gaan zoeken. waar mede ik mijn met alle ootmoed noem (Onderstond) Wel -Edele Gestrenge Heer (Lager) Uwel -Edele Gestrenge onderdaanige en schuldpligtige Dienaar (Getekend) C: Wed „beeren (in margine) Lera den . . Iuli 1788. Aan de Wel-Edele Gestrenge Heeren Pieter Gerardus de Bruijn Afgaande, en Abrahamus Couperus Secreet Aankomende E Wel-Edele Gestrenge Heeren Uwel -Edele gestrunge veel gerespecteerden ecreeten brief van den 15. Augustus is mij wel geworden. Ik hebbe mij met den Koning, en Sulthan Moeda op den 24. dee„ „zer onderhouden van wegens de order van Uwel-Edele Gestrenge mij toegezonden. zijn vroegen ten eersten of ik geen brief van Uwel -dele Gestr: hadde ontvangen voor zijne Hoogheid, waar op ik zijde dat ik zwaarlijk geloofde dat uwel Edele Gestr. op zoo eene vraag als zij gedaan hadden antwoorden zoude en de E. Comp„e ook niet con„ „senteeren zal nog kom, waar op sulthan Moeda zijde, dat zijne Hoogheid geen ander middel hadde, indien de sluikerijn te groot was, en alle garten stonden open, dat hij te onmagtig was het sluken In het gebergten in te sluiten, ook met bij geld waare om het tin in „ te koopen. zoo indien het volk van haar was, zou hij het wel konnen tegengaan, maar het was volk van Queda en Latanie die daar sluiken, die zoo, haast zijn 't tin maar buiten de verieren hadden „betaald 50. Spaans voor ieder daar „ worde, ik gaf hem ten antwoord, dat het ongeloofbaar was zoo veel geld voor onzuiver tin te be„ „taalen, maar dat ik wel gelooven wou, dat het een intestrooi„ „zel van zijne onderdaanen waare, om de E. Comp„e tot een hooger prijs aan te spooren, en indien zijn eenen billijken prijs gevraagd Aan komende Gouverneur en Directeur der Stad en Fortresse Malacca hadden op en aa mijne ƒ n ok datook Edele Mere In ende 7 hadden geloofde ik, dat het uwel-Edele Gestrenge niet zoude afge „slaagen hebben, en nog zoude ik het voor raadzaamer houden wan „neer zijn eenen van hunne grooten naar Malacca zouden ono aldaa uwel-Edele Gestr. haare zaaken, en omstandigheden voor te stelde maar zoo indien zij van den hoogen prijs niet willen afwijken haar wel kon tot een groote schade aan Landen volk gerijken. Waar op sulthan Moeda zijde, dat het haar ten eenemaa „le onmogelijk was de E. Comp„e onder de 44. Spaans het tin te leveren en dat hij verzekerd was dat de sluikers 50. Spaans voor 't tin betaald worden. Terwijl ik op de anderen reden geen antwoord kon krijgen zoo vroeg ik zijn Hoogheid, of ook wat van zijne orders was het welk hij met neen beantwoorde daar op nam ik afscheid Waar mede de eere hebbe mij te noemen. (Onderstond) Wel-Edele Gestrenge Heeren (lager) U wel- Edele Gestrenge onderdaanige en schuldpligtige Dienaar (Getekend) C: Walbeehen (in margine) Lera den 26. Augustus 1788. Aan de Wel-Edele Gestrenge Heeren Pieter Gerardus de Bruijn, Afgaande, en Abrahamus Couperus, Aankomende Gouverneur en Directeur der Secreet Stad 9 3 Wel-Edele Gestrenge Heeren Uwel-Edele Gestr. zeer gerespecteerden secreeten brief van den 15. september is mij op den 19. deezer wel geworden. Nadien de galei de Griffioen vertrokken was heeft den koning door gomgomslag laaten alle sluikerij van tin verbie„ „den met wat Pretext 't ook mogte weezen, op paene van verlies van hunne goederen. Ik zal niet nalaaten al hoe zig maar gelegenheid op en doet Uwel-Edele Gestr. zeer gerespecteerde orders te observeeren. Nog moet ik uwel-Edele Gestr. communiceeren dat zulthan Moeda aangesteld is tot Ionge Koning, maar zij hebben mij nog niet daar van verwittigen laaten. Verders neeme de vrijheid mij met de diepste ootmoet te noemen (onderstond) Wel-Edele Gestrenge Heeren (Lager) Uwel Edele Gestrenge onderdaanige en schuldpligtige Dienaar Gete„ „kend) C. Walbeeen (in margine) Lera den 21. September 1788. G van Saak E. G. Klerk Stad en Fortreese Malacca met dies Reserd. Rccordeert in het N n id meet in eur der hadden geloofde ik, dat het uwel-Edele Gestrenge niet zoude afge „slaagen hebben, en nog zoude ik het voor raadzaamer houden wa „neer zij eenen van hunne grooten naar Malacca zouden on alda uwel-Edele Gestr. haare zaaken, en omstandigheden voor te steld maar zoo indien zij van den hoogen prijs niet willen afwijken haar wel kon tot een groote schade aan Land en volk gerijken. Waar op sulthan Moeda zijde, dat het haar ten eenem „le onmogelijk was de E. Comp„e onder de 44. Spaans het b te leveren en dat hij verzekerd was dat de sluikers 50. Spa voor 't tin betaald worden. Terwijl ik op de anderen reden geen antwoord kan krijgen zoo vroeg ik zijn Hoogheid, of ook wat van zijne orders w het welk hij met neen beantwoorde daar op nam ik af Waar mede de eere hebbe mij te noemen. (Onderstond) Wel-Edele Gestrenge Heeren (lager) UwelE Gestrenge onderdaanige en schuldpligtige Dienaar (Getekend Walbeehen (in margine) Lera den 26. Augustus 1788. Aan de Wel-Edele Gestrenge Heeren Pieter Gerardus de Brug Afgaande, en Abrahamus Couperus, Aankomende Gouverneur en Directeu Seer Stad
English
Right Honourable Stern Lords Your Right Honourable Stern Lordships' highly respected secret letter of the 15th of September was duly received by me on the 19th of this month. After the galley the Griffioen had departed, the King, by beating of the gong, ordered all smuggling of tin to be prohibited under whatever pretext it might be, on pain of forfeiture of their goods. I shall not fail, whenever an opportunity presents itself, to observe Your Right Honourable Stern Lordships' highly respected orders. Furthermore, I must communicate to Your Right Honourable Stern Lordships that Sultan Moeda has been appointed Young King, but they have not yet had me informed of it. Furthermore, I take the liberty to call myself with the deepest humility Right Honourable Stern Lords, Your Right Honourable Stern Lordships' humble and dutiful servant, C. Walbeeken, Lera, the 21st of September 1788. To the city and fortress of Malacca with its jurisdiction. Agreed E. G. clerk
Dutch transcription
Wel-Edele Gestrenge Heeren Uwel-Edele Gestr. zeer gerespectieerden secreeten brief van den 15. september is mij op den 19. deezer wel geworden. Nadien de galei de Griffioen vertrokken was heeft den Koning door gomgomslag laaten alle sluikerij van tin verbie„ „den met wat Pretext 't ook mogte weezen, op pane van verlies van hunne goederen. Ik zal niet nalaaten al hoe zig maar gelegenheid op en doet Uwel-Edele Gestr. zeer gerespecteerde orders te observeeren. Nog moet ik uwel-Edele Gestr. communiceeren dat sulthan Moeda aangesteld is tot Ionge Koning, maar zij hebben mij nog niet daar van verwittigen laaten. Verders neeme de vrijheid mij met de diepste ootmoet te noemen (onderstond) Wel-Edele Gestrenge Heeren (Lager) Uwel Edele Gestrenge onderdaanige en schuldpligtige Dienaar (Gete„ „kend) C. Walbeeken (in margine) Lera den 21. September 1788. lle Aan Saak E. G. klerk Stad en Fortresse Malacca met dies Resort. gecordeert G