VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3842

Ceylon · 452 pages · 67 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3842_0396 view scan ↗

English

The 19th of November. The wind veered to the south-south-east, and finding a current rip running quite out of its usual direction, I set my course, the winds permitting, to the south-south-east. The 14th, 15th, 16th, 17th, 18th continued mostly with northerly winds, though with calms. The 19th, having approached the north latitude of 6 degrees and having an estimated longitude of 357 degrees 57 minutes, the north trade wind left us, and the wind veered to the south-south-east and south-east, with calms, thunder, and rain squalls. The 20th, 21st, 22nd, 23rd, 24th, 25th, 26th, and 27th, I soon came, through the southerly winds with calms, to a low variation of 9 degrees westerly. We had the estimated longitude of 353 degrees 6 minutes. Indeed, the wind headed us so much that, on the last-mentioned date, being unable to steer higher than south-west, it made me resolve to tack to the east. We perceived repeatedly very heavy current rips which, according to observation, set us violently to the north. The 28th, tacked again to the south, and on the 29th we had approached close under the Line. Found, at noon, 4 minutes north latitude, the estimated longitude of 352 degrees 45 minutes, and 7 degrees 20 minutes north-westerly variation. The 30th, found ourselves already at 1 degree 36 minutes south latitude. The first of December, being at the south latitude of 3 degrees, the wind began to run somewhat more easterly, which continued on the 2nd, 3rd, and 4th. The 5th, having the south latitude of 10 degrees 40 minutes, estimated longitude 352 degrees 9 minutes, and 5 degrees north-westerly variation, we received the north-easterly winds, with exceptionally fair weather and a moderate, at times fresh, breeze, through which on the 6th, 7th, 8th, 9th, 10th, and 11th we made such progress that on the 12th we found the south latitude of 23 to 24 degrees, crossed the Tropic of Capricorn, had the estimated longitude of 355 degrees 7 minutes, and between 3 to 4 degrees westerly variation. Found also that, since the 5th ditto, we were no longer set to the north. The 13th, 14th, 15th, 16th, 17th, 18th, 19th, 20th, 21st, and 22nd, good weather and favorable conditions. The 23rd, 24th, and 25th, had very many variable winds with high seas from the south, whereby the Maria Louisa worked violently. The 26th, 27th, 28th, 29th, 30th, 31st, the wind favorable, though the four first-mentioned 24-hour periods squally, wet, and very cold weather. The first of January 1790, in the evening, having approached Table Bay, according to our reckoning, at 2½ miles distance, we wore ship at 10 o'clock downwind. The 2nd, at daybreak, bore away; in the morning around 8 o'clock sighted Table Mountain bearing north-east by east, by estimation about 6 miles from us. At noon, sighted Lion's Head bearing north-east, estimated to be 2 miles off, which bearing corresponds on the Honorable Company's chart to the longitude of 35 degrees 13 minutes. We had the estimated longitude of 36 degrees 16 minutes, so that we found ourselves 1 degree 3 minutes or 15¾ miles further west than we had estimated since the last bearing taken near the island of Gomera on the 4th of November last. Our estimated latitude was 34 degrees 14 minutes, and the observed 34 degrees 13 minutes, and in the morning, through bearings taken 6 different times, had found 22 degrees 36 minutes north-westerly variation. Subsequently, we were forced, on account of the variable wind and calm, to drop the bower anchor on the outer roadstead at the depth of 9 fathoms, fine sandy ground. Whereupon came on board to us the Master of the Equippage Cornelisse, together with the searcher. I handed over to the Master of the Equippage all the papers destined for the Cape of Good Hope, whereupon the said gentlemen departed again. Sighted the packet boat for the Chamber of Zeeland sailing to sea to repatriate. The 3rd, light air and calm, but the breeze being westerly, weighed anchor, and by warping came to anchor at noon in the usual roadstead at the depth of 5½ fathoms, sandy ground, where we moored. Here in the roadstead were the following ships of the Honorable Company, namely: Het Duifje, Captain Duming, destined for Europe. The vanguard being the Valk, for Batavia. Private hooker ship De Vrouw Agatha, for Batavia. Packet boat for Delft, the Expeditie, Captain Zoeterman, for Batavia. The Maria Louisa was in good condition, though its lower rigging had to be set up, new iron straps for the rudder prevents, for which we had to send the rudder ashore, and further needed some small repairs, as well as a small supply of wood and paint. Regarding the crew, from Amsterdam to this cape we had no deaths, nor any sickness of consequence, though this afternoon, through the capsizing of our longboat, I lost 3 men of my crew. And on Monday the 17th of May 1790, Extract of a Resolution taken in the Council of Ceylon by way of circular inquiry.

Dutch transcription

Den 19e. Novr. Liep de wind aan 't ZZ0, en Stroomhaveling bevinden den 29 Novr Passeeren de Linie al buijten zijn gewoonlijke streek te loopen, Ik stelde mijne koers /:bij toelaating der winden:/ Zzo aan den 14„ 15„ 16„ 17„ 38„ Continueerde, nog al meest de No=tlijke winden, dog met stiltens - den 19e de NBreedte van 6 graaden genaaderd zijnde, en de gegiste lengte van 357:o 57. hebbende verlies ons de Not passaat, en de wind Liep aan 't Z ZO t, en Z. O. t met stiltens, Donder, en Regen Vlaagen Den 20, 21, 22, 23, 24, 25, 26, 4 27=e Geraakte Ik, Wel haastlijk /:door de zuijdlijke winden, met steltens:/ op een laage miswijsing van 9 graaden Antring hadden de gegiste Lengte van 353, 6: Ja, de wind schraalde zodanig, dat Ik, op den laatst gemelden datum, niet hooger dan zwt kunnende koerssen, mijn deed resolveeren, om de Oost te wenden Ontwaarden telkens, zeer zwaare stroomhavelings die ons /:volgens Observatie:/ geweldig om de Noord zette den 28, wenden weder om de Zuijd, en waren den 29„e tot onder de Linie genaaderd Bevonden, op de Middag 4 minuten Noord=r Breedte, de gegiste Lengte van 352 gr 45 min, en 7„o 20, ' Nd westring den 30, bevonden ons Rheeds op 1 gr 36 min z Breedte, Den Eerste december, op de ZBreedte van 3 graaden zijnde, begende wind eenigsints bostlijker te loopen, 't welk den 2=e 3„ & 4=e Continueerde — den 5, de Z Breedte van 10 gr 40 min: hebbende gegiste zot 3 2619 passeerden de Den 2e Januarij 1790 Tafelberge gepeijld gegiste Lengte 352„e 9: en 5 gr Adwestring, kregen de N„ o=t lijke winden, met Extra schoon wees, en tamelijke /:zomtijds frisse:/ koelte, door welk, den 6„ 7„ 8„ 9„ 10„ x 1„, zodanig vorderden, dat Den 12 decembr wij den 12e de Ze. Breedte van 23 a 24 graden bevonden had„ Propicus CapnCorni den de gegiste Lengte van 355, 7.:' en tusschen de 3 a 4 gr Antring, Bevonden ook, als dat wij /:zederd den 5=e d=o niet meerder om de Noord wierden gezet. - p:s 100. —. den 13„ 14„ 15„ 16„ 17„ 18„ 19„ 20„ 21 & 22=e Goed wear, en „1en favorable gelegendheid. 2. den 23„ 24„ & 25,e hadden zeer veele veranderlijke Winden de Hoop met hoogloopende zeëën, uijt 't zuijden, waar door n boodem ee Memorie d'Maria Louisa, geweldig Werkte „ken. den 26„ 27„ 28„ 29„ 30„ „ 31, de wind gunstig, dog de 12j5. vier Eerstgemelde Etmaalen, Buijig, nat, en zeer libea koud weer p:s 1000. — ad - „ scherpen steren dan zal goeden 2 - - - - 6. —. Den Eersten Januarij 1790, s avonds, de Tafelbaaij /:volgens ons Bestek:/ op 2½ mijl distantie, genaaderd zijnde, zoo draaijden, om 10 uuren onder de Wind. Den 2=e met den dag, hielden af, ontwaarden's ontwaarden de morgens Circa 8 uuren, de Tafelberg in 't Noto na Gissing, omtrent 6 mijlen van ons, Op de Middag Peijlden de Leeuwenkop No„t, gisten de Leeuwenkop er 2 mijlen af te weesen, welke pijling komt in de 's E Comp=s kaart op de Lengte van 35 gr 13 men 5. 1/18. Wij hadden de gegiste Lengte van 36 e 16 — — ½. - - —. ½5 zoo dat wij ons 1 gr 3 min„ en ten voor„ of 15¾ Mijl westlijker bevonden, dan gegist hadden zederd de Laatste pijling, gedaan bij 't Eyland Gomera, op den 4e Nov=r L: L: onze gegiste Breedte was 34 gr 14 twin, en de Bevonde 34 g=r 13 min, en had= „den 's morgens door 6 differente maalen genoome Pijlings bevinden 22 gr 36 min Nwestring, Vervolgens wierden genoodzaakt /:wegens de variable wind, en 5. — „te boeken „Nederland op de uijtgeleeverde Paquet Bood usa komende uijt voor reekening van nsterdam meerder minder p:r C:t nder g'insereerde Louijza, en is daar artikel word aen 2612. Maandag den 17. Maij 1790 Extrakt Resoluutsie Genoomen in Raede van Ceilon bij weege van Rondvraege. op Ik 720 de erd hebbende 2 de e p ad wel g de Wind gemelden en d havelings de Noord waren den, op is Z Kreadb. raaden te „ gr hebbende iste ste en hi horden Den 2e. Januarij Anker op de van de Rheede Caab gezeijld en komenten Anker op de ge„ woonlijke Rheede ^ Caab de goede Hoop dus stilto:) het daags anker te laaten vallen, op de Buijten 1790, Bomen ten Rheede, ter diepte van 9 v=m fijn zand grond Al= Buijten Bheede waar bij ons aan Boord kwam, den Equipagie Mr Cornelisse, Benevens de visitateur Ikgaf Texel tot aan de aan den Equipagie M=r alle de papieren /:voor Caabde 2 Maanden & 20 dagen goede Hoop 9destineerd:/ over, waar op gemelde Heeren wederom Vertrekken Zien de Pacquetboot voor de kamer Zeeland, naar zee zeijlen, om te Repatrieeren Den 3e Labber, en Stil, dog 't Zugje westlijk ligten 't Anker, en kwamen met te Bougseeren 's mid- dags ter gewoonlijke Rheede ten anker op de Diepte v van 5½ v=m zand grond, alwaar vertuijden Alhier ter Rheede, Bevonden zig, de volgende 's E Comp=s Scheepen namentlijk Het Duijfje, Captn. Duming, gedestineerd na _„o Europa zijnde de voorlopen de Valk —. . . - Particulier hoekerschip de vrouw Agatha - - - - - „ Batavia e Pacquetboot voor Delft de Expeditie Captn. Zoeterman „ De Maria Louisa, Bevond zig in goeden staat, dog desselfs onderwandt moest geligt werden, nieuwe Beugels tot de Sorglijn aan 't Roer, waar over 't Roer aan de wal moesten zenden, En hadde verders eenige kleijne reparatien, als meede een weijnig Behoeftens van Hout, en verf nodig Aangaande de Equipagie, hebben van Amsterdam tot aan deezen uijthoek, geene dooden, nog ook geene ziekken van Aanbelang gehad - dog op heeden in de Namiddag verloor door 't Omslaan van Onse Chaloup 3 Man mijner Equipagie, En op

NL-HaNA_1.04.02_3842_0399 view scan ↗

English

2619 On the 10th of this month, on the shore on the public road, one of my sailors was found with one cut in his neck and one stab in the chest with a clasp-knife, which clasp-knife was still sticking in the dead body, so that I unfortunately lost four of my crew at the Cape. Furthermore, during my laydays at this roadstead, nothing remarkable occurred, except only that there arrived three ships of the Honorable Company, being of the First Return fleet, namely: Spaarenrijk, Houtlust, and Boosenburg. On the latter was the Right Honorable Mr. de Bruijn, coming from Batavia; they had very bad weather on the Reef of Agulhas, much water entered the ship, they had to throw the cannon overboard, and will have to unload because the sugar had melted. 5. — lod den 5. 1/72 After the Maria Louisa was again in proper order, provided with other crew members in place of those who perished, and the further necessities, 14 days passed before we could put to sea, leaving behind at the roadstead here, as far as I am aware, all the aforementioned ships, except the hooker ship the Vrouw Agatha, Netherlands pieces 1000 — 24d - Scherpensteven then shall compensate 2 - - - 6. —. ½ on the delivered packet boat [illegible] coming from Amsterdam on account of [illegible] more less percent pieces 100. — 10th 200-. de Hoop and bottom a memorandum. 2613 [illegible] inserted Louiza, and is there article is to Monday the 17th of May 1798 Extract Resolution Taken in the Council of Ceylon by way of circular query. [illegible] Batavia [illegible] Amsterdam and 9 lbs 1175. departed from and the packet boat the Expeditie, which had already departed for Batavia. 16 January 1790, Cape of Good Hope. It was then on the 16th of January, in the morning, that I received the Honorable Company's papers, weighed my anchor, and set sail with a south-easterly wind, which blew up so clearly that upon luffing up while passing Robben Island, my jib-boom broke off at the cap due to an incoming squall. Having arrived outside at sea at 10 o'clock in the evening, I mustered the crew and found that a sailor, whom I had obtained at the Cape in place of one of those who perished, had stayed behind; I immediately sealed his chest. The 17th. In the forenoon, sighted the aforementioned packet boat the Expeditie, which, as stated above, had departed from Table Bay a few days before us. We overtook her and hailed each other. This packet boat had departed from the Maas on the first of September last, seemed to sail very well, held the luff better than the Maria Louisa, but in speed she did not appear to be as fast. The 18th, 19th, 20th, 21st, 22nd, 23rd, 24th, 25th, 26th, and 27th, the south-easterly winds blew so hard and unsettled, with astonishingly hollow seas, that in the beginning we were very quickly set more than 60 miles to the west, so that I did not have the Cape of Good Hope to the north of me earlier than the last-mentioned date, and we found 2619 ourselves at 36 degrees south latitude, and an estimated longitude of 45 degrees 13 minutes. The 28th, 29th, 30th, and 31st, had continually variable winds, which ran from the north, through the west, to the southeast and east, but all with calm weather, only small showers. The first of February, 2nd, 3rd, 4th, 5th, 6th, 7th, 8th, 9th, 10th, 11th, 12th, 13th, 14th, 15th, 16th, and 17th, the wind continued to vary, although we ran to about 38 degrees south latitude; the breeze unsettled, with threatening squally skies, for which we frequently took in the sails, but the squalls grew no harder than a reefed mainsail breeze. When we had passed the parallels of Madagascar, the wind seemed to hold longer in the north, with hazy skies, very fair weather, and a slight sea. The 18th, 19th, 20th, 21st, and 22nd, the wind variable, shifting with the sun, frequently accompanied by rain showers and wind gusts, which many times arose before our eyes so perilously and, as it were, seemed ready to spew out nothing but hurricanes, but they were of no consequence. The observed compass variations continuously until today were from 23 to 25, and thus climbing up to 29 degrees 36 minutes north-westering, this being at 36 degrees 54 minutes south latitude, and the estimated 5. —. 5. 1/12. 2 — 2. - . —. Netherlands [illegible] inserted Louijza, and is there article is to 2614 Extract Resolution Taken in the Council of Ceylon by way of circular query. on Monday the 17th of May 1798: [illegible]

Dutch transcription

2619 op den 10=e dezer, wierd er aan de wal op de pub= liecque weg, een mijner Mattroosen gevonden, met één sneed in zijn hals, en één steek in de Borst, met een knipmes, welk knipmes nog in 't doode Lichaam was steekende, zoo dat Ik. aan de Caab vier mijner Equipagie Ongelukkiglijk hebbe verlooren Wijders is 'er geduurende mijne legdagen ter deeze Rheede niets remerkabels voorgevallen, als alleen, dat 'er g'arriveerd zijn Drie 'sld Comp=s scheepen, zijnde van de Eerste Retour, namentlijk Spaarenrijk Houtlust, en Boosenburg Op welke Laatste zig bevond, den welEd Heer de Bruijn koomende van Batavia, hebben zeer slegt weer gehad, op 't Rif van Auguilhas, veel water in 't schip gekoomen, het Canon over Boord moeten zetten, En zal moeten lossen, doordien de zuijker gesmolten was. 5. — lod den 5. 1/72 Na dat d'Maria Louisa, weder in behoorlijke — — ½. - - —. ½1 Order; van andre Manschappen, in plaats van en ten voor„ die verongelukte, En 't verdre benodigd voorzien „te boeken was, verliep er 14 dagen, eer dat wij zee konden neemen, laatende alhier ter Rheede, /:voor zoo verre als mijn bewust is:/ leggen, alle de voormelde scheepen, Except 't Hoeker Schip d' vrouw Agatha, Nederland p:s 1000 — 24d - „ Scherpen steven dan zal ver goeden 2 - - - 6. —. ½ op de uijtgeleeverd Jaquet Bood usa komende uijt voor reekening van Ansterdam meerder minder p:r C:t . p:s 100. —. 10en 200-. de Hoop en boodem ee Memorie „ken. 2613 nder g'insereerde Louiza, en is daar artikel word aen Maandag den 17. Maij 1798 Extrakt Resoluutsie Genoomen in Raede van Ceilon bij weege van Rondvraege. op Buijten Al 27 Caa e de M=r ligter d te de opa Batavia dat, dog nieuwe Boer 4 e r in nig sterdam n En 9 libea 1175. vertrokken van En 't Pacquetboot d'Expeditie, welke rheeds ver „trokken waren na Batavia Den 16 January 1790 Het was dan op den 16 Januarij, dat ik 'smorgens Caab de goede Hoop de 's E Comp=s Papieren ontvong, mijn Anker ligte en onder zeijl ging, met een ZO=te wind, die zodanig helder op stak, dat bij 't oploeven, in 't passeeren van 't Robben Eijland, mijn Kluijfhout bij 't Schild afbrak, door een overkoomende valwind, 's avonds om x uuren, buijten /:in zee:/ gekoomen zijnde, Mensterde de Equipagie, Bevond, dat een Mattroos, /:die aan de Caab, in steede van één der verongelukte hebbe bekoomen:/ agter was gebleeven verzegelde direct zijn kist den 17„ In de voormiddag, ontwaarde de voor= „melde pacquetboot d'Expeditie (:die gelijk voorsz: Eenige dagen voor ons uijt de Tafelbaaij was Vertrokken:/ Wij liepen dezelve op, en praaijden elkander Deeze Pacquetboot was Primo Sept=r l: l: uijt de Maas vertrokken, scheen zeer goed te zeijlen, hield beter Loef, dan d'Maria Louisa, dog in de vaart, scheen dezelve, zoo snel niet te weezen Den 18„ 19„ 20„ 21„ 22„ 23„ 24„ 25„ 26„ & 27„e, Begeerden de zuijdoostlijke winden zodanig hard, en Onge¬ „stadig, met verbaazende holle zeeën, dat wij in 't begin zeer schielijk, meer dan 6e mijlen om de west wierden gezet, zoo dat ik niet eerder, dan den laatst gemelden datum, Caab de goede Hoop, in 't Noorden van mijn had, en bevonden 2619 „te boeken bevonden ons op 36 graaden zuijerBreedte, en op de uijtgeleeverde gegiste lengte van 45 gr 13 min „ Paquel Bood den 28„ 29„ 30„ & 31„e hadden geduurig veranderlijke uisa komende uijt voor reekening van Winden, die van 't Noorden, door 't Westen, aan nsterdam 't Zo , en Oost liepen, dog alle met bedaard meerder minder p:r C:t weer, enkelde kleijne Buijen - . p:s 100. — 1en Den Eerste Februarij „ 2„ 3„ 4„ 5„ 6„ 7„ 8„ 9„ 10„ 11„ 2 12„ 13„ 14„ 15„ 16„ en Vl„o Bleef de wind Continueel de Hoop n boodem vanieeren /:schoon wij tot omtrent 38 graaden re Memorie Zuijer Breedte liepen:/ de Koelte ongestaadig, met „ken. 21j3. Booze Buijige Lugten, voor welk wij dikmaals libea de zeijlen innamen, dog de windbuijen, kwamen p:s 1000 — niet harder, als tot gereefde Manszeijls koelte rd - „ 994— rm - - - 6. Scherpen Toen wij de Parellen van Madagascar steren gepasseerd waren, scheen de wind langer aan den zal het Noorden Stand te houden, met heiige n vergoeden Lugten, zeer schoon weer, en slegte Zee den 18„ 19„ 20„ 21, & 22. de wind veranderlijk, met son omloopende, verzeld, dikwijls van regen„ „buijen, en windvlaagen, die meenigmaal zoo Dervaarlijk voor onze oogen opkwamen, en als 't waar, niets dan Orcaanen stonden uijt te braken, maar waren van geen gevolg De g'observeerde miswijsings waren geduu¬ „rende tot heeden van 23 a 25, en zoo op klim= „mende tot 29 graden 36 min NWestring, 't welk zijnde op 36 gr 54 min z Breedte, en de gegiste 5. —. 5. 1/12. 2 — 2. - . —. len ten voor„ Nederland nder g'insereerde Louijza, en is daar artikel word aen 2614 Extrakt Resoluuitsie Genoomen in Raede van Ceilon bij weege van Rondvraege. op Maandag den 17. Maij 1798: ver n te zodanig eeren Schild koomen dat een der bleeven de voor- voorsz was ijden : C: uijt te zeijlen in de weezen geerden Onge¬ dat wij Mijlen niet n Caab en bevonden ad horden

NL-HaNA_1.04.02_3842_0402 view scan ↗

English

The 28th of February Tropic of Capricorn passed longitude of 53 degrees 5 minutes, after which it decreased slowly again until the 23rd, 24th, 25th, 26th, and 27th, when it diminished very rapidly. The wind also turned again to the southeast, with a stiff breeze, and high seas. During the night between the 27th and 28th, passed the Tropic of Capricorn at the dead reckoning longitude of 87 degrees and found in the morning 10 to 11 degrees northwesterly variation. The first of March, had 8 to 7 degrees variation, the south latitude of 20, 18, and dead reckoning longitude of 87 1/6. The 2nd, set course to the north. The 3rd, had passed the latitude of the island of St Brandand, and found 5 degrees 42 minutes northwesterly variation, steered north-northeastwards, had steadily squally weather, with sometimes hard squalls of rain. The 4th, 5th, and 6th, on the last-mentioned date in the forenoon, had a hard squall of rain and wind, accompanied by heavy claps of thunder. The 7th, 8th, 9th, 10th, the wind mostly westwards, so that we could not, according to our reckoning, steer past the islands B: de P: dos Banhos, and therefore tacked to the west, having then the just-mentioned islands north-northeast of us at 8 miles, and the variation of 3 degrees 8 minutes northwesterly variation. Subsequently the wind turned to the northwest, with pleasant weather, which contrary wind prevented us from continuing our voyage. The 11th 2619. The 22nd of March the Line passed The 11th, 12th, 13th, 14th, and 15th, the winds mostly northwest to west-northwest and north-by-west with gentle breezes, and fair weather, by which our voyage was continued with slow progress. on the delivered the packet boat Louisa coming from for the account of The 16th and 17th, the wind began to turn to the southwest, Amsterdam had daily many calms with summer breezes, more or less percent and were nearly equal with the sun under the pieces 100. 10th The 18th, 19th, 20th, and 21st, the winds and breezes shifted de Hoop again to the north and north-northeast. bottom for a reminder The 22nd, passed the Line at the dead reckoning longitude make. 22 years. of 80 degrees, and found a variation of pieces 1000 4 degrees northwesterly variation. During that time nothing unusual board - 994 occurred. My ship's crew were all Scherpen healthy and well, although we had very hot weather. yesterday Caught much fish, being all Dorados, then July by the Portuguese called thus. Having passed the Line, got steady north-northeast wind, which indeed sometimes shifted a few points back and forth, but remained between the east-northeast and north-northeast with the most pleasant weather in the world. The sea was as smooth as a pond. And this continued the 23rd, 24th, 25th, 26th, 27th, 28th, 29th, 30th, and 31st of March. 2 - - - 6. —. ½ and compensate Line The 1st, 2nd, 3rd, 4th, and 5th of April, there was indeed somewhat Netherlands more movement in the water, but the winds remained as before, and unfavorable for us, having now reached the north latitude of 9 degrees 42 minutes, the dead reckoning longitude of 79, 22, and 4½ degrees northwesterly variation. to book 3. 72 5. 5. — — — 2. - —. 25 a ... to ... 2615. under inserted Louiza, and is there article is to Monday the 17th of May 1790. Extract Resolution Taken in Council of Ceylon by way of circular inquiry. on the Tropic variation 87 1/46. St Brandano date the and and Banhos B that therefore mentioned and The 19th of April sighted the coast of Malabar The 21st of April at anchor near Pto Caijl therefore had to keep cruising and wait for the shift of the monsoon winds. The 6th, 7th, 8th, 9th, 10th, 11th, 12th, the wind still northerly. The 13th, having the latitude of 7 degrees 41 minutes, and 2 degrees northwesterly variation, the wind then began to turn to the north-northwest. The 14th, 15th, 16th, 17th, 18th, the wind as just mentioned. Saw on the last-mentioned date a vessel coursing to the west, but being too far off to recognize. The 19th at noon sighted the Malabar coast at the latitude of 9 degrees 5 minutes, and had ½ degree westerly variation. Found according to our reckoning to be 2 degrees 47 minutes or 42 miles further east than estimated since the last bearing taken at Table Mountain. Found also according to our observation that Cape Comorin is plotted too far south on the Honorable Company's chart, and which is also evident from our dead reckoning distance when sailing along the coast. Subsequently sailed along the shore to the Bay of Pto Caijl, where on the evening of the 21st of this month came to anchor at about 2 miles to the south of the usual anchorage, at a depth of 9 fathoms, took bearings of the point of Plo Caijl northwest-by-west, estimated 2 miles from us. The 22nd at daybreak signaled for a vessel, about 10 o'clock a thoni came, sent Lieutenant S: Dijkhof with a notice of my arrival, of which a copy is enclosed here, to the Chief of Plo Caijl, subsequently

Dutch transcription

Den 28 Februarij Propicus Capricorni gepasseerd Lengte van 53 gr 5 min, als toen dezelve weder langzaam afnamen tot den 23„ 24„ 25„ 26„ & 27=e wanneer zeer schielijk verminderden de wind liep meede weder aan 't ZO t, met stijve koelte, en hooge Zee 'snagts tusschen den 27„ en 28=' Passeeren Propicus CapriCorni, op de gegiste Lengte van 87 graden en bevonden /:s morgens:/ 10 a 11 gr Nwestring Den Eersten Maart, hadden 8 a 7 gr misnysing de ZBreedte van 20, 18 en gegiste Lengte van 87 1/6. den 2e stelde de Koers Noorden aan den 3=e waren de Breedte van 't Eijland St Brandand gepasseerd, en bevonden 5 gr 42 min NWestring stuurden Nevwaar, hadden gestadig Buijig weer, met zomtijds harde reegen Vlaagen den 4„ 5„' & 6e kregen den laatst gemelde datum in de voormiddag, een harde Buij van Reegen en wind, verzeld, met zwaare Donderslagen den 7„ 8„ 9„ 10„e de wind meest werwaarnt zoo dat wij niet boven de Eijlanden B: de P: dos Banhos /:met ons Bestek:/ konden stevenen wenden /: dier„ „halven:/ om de west, hadden als toen de Evengemeld Eijlanden, in 't N N ot 8 Mijlen van ons, en de Miswijsing van 3 gr 8 min Nntring Vervolgens liep de wind, aan 't Nw„t, met aangenaam weer, welke Contrarie wind, be„ lette onze Reijze te vervolgen den 11 2619. den 22e Maart de Linie ge„ passeerd Den 11„ 12„ 13„ 14„ & 15„ de winden meest N W a W NW en Net Wt met zagte Koeltens, en Schomn Weer waar door, onze Reijze, met Traage schreeden wierd voort gezet. op de uijtgeleeverde t Jaquet Bood usa komende uijt voor reekening van den 16„ & 17„ Begon de wind, aan 't Z W t te loopen nsterdam hadden dagelijks veel stiltens met Zomerlugjes meerder minder p:r C:o En waren bijna gelijk met de son onder de -. p:s 100. — 10en den 18„ 19„ 20„ & 21' Trokken de winden, en Lugjes de Hoop wederom naar 't Noorden en Not n boodem Den 22e Passeeren de Linie op de gegiste Lengte re Memorie van 80 graaden, en bevonde miswijsing van aken. 22js. 4 graden Ndwestring libea Geduurende dien Tijd is 'er niets bijzonders p:s 1000— voorgevallen„ Mijne scheepsvolk waren alle ord - „ 994 gezond, en fris, (:hoewel nij zeer heet weer had= Scherpen „den:/ Vingen veel visch, zijnde alle Drados steren dan Iul (:bij de Portugeesen Na genoemd:/ De Linie gepasseerd zijnde kregen bestendige No=t wind, die, wel zomtijds, eenige streeken, uijt, en In liep, dog zig bepaalden tusschen 't O No, en N Not met 't aangenaamste weer s warelds de zee was zodanig slegt, gelijk als in een Vijver, En dis Continueerden, den 23„ 24„ 25„ 26„ 27„ 28„ 29„ 30„ & 31 Maart. 2 - - - 6. —. ½ en Vergoeden Linie Den 1„2„ 3„ 4„ & 5' April, kwamer wel eenigsints Nederland meerder beweeging in 't water dog de winden bleeven nog als vooren, en voor ons Ongunstig /: hadden nu de Noord=r Breedte van 9„e 42:' bereijkt de gegiste lengte van 79, 22. , en 4½ Gr N Westring:/ te boeken 3. 72 5. 5. — — — 2. - —. 25 een ten voor„ 2615. nder g'insereerde Louiza, en is daar artikel word aen Maandag den 17. Maij 1790. Extrakt Resoluutsie Genoomen in Raede van Ceilon bij weege van Rondvraege. op d cus sing 87 1/46. m Brandano g datum d en en Banhos B die er„ gemelde en Den 19 April ontwaarden de kust van de Mallebaar Den 21 April ten Anker omtrent Pto Caijl dierhalven moesten blijven Kruijssen, en wagten op de Ventring van de Mousson winden Den 6„ 7„ 8„ 9„ 10„ 11„ 12, de wind nog al Noorden den 13e. de Breedte van 7o, 41. hebbende, en 2 Graden Noordwestring, als toen begon de wind aan 't NNW te loopen Den 14„ 15„ 16„ 17„ „ 18e de wind als even gemeld zien de laatst gemelden datum, een vaartuijg die om de west Coursden, maar zijnde te ver om te verkennen Den 19=e op de middag ontwaarden de Malla„ baarsche kust op de Breedte van 9 gr 5 min: En hadden ½ gr erwestsing Bevinden volgens ons bestek 2 gr 47 min of 42 Mijlen oostlijken dan gegist hadden zederd de Laatste pijling Gedaan bij de Tafelberg — Bevonden meede volgens onze Obser„ „vatie, als dat Caab Comehijn te zuijdlijk in de 's E Comp=s Kaart getekend staat, en 't welk ook blijkt aan onze gegiste Verheid bij het zeijlen langs de kust Vervolgens Couwden langs de wal naar de Bogt van Pto Caijl, alwaar in den Avond van den 24=e dezer ten anker kwamen op Circa 2 wijlen ter zuijden van de gewoonlyke Ankerplaats, op 9 v=m diepte, Peijlden de 1 van P=lo Caijl Nwtw na gissing 2 Mijlen van Onls Den 22=e met den dag deeden zeijn om een Vaar„ tuijg, Circa 10 uuren kwam een Tounie, zond den Lieut S: Dijkhof met een Berigt van mijne arrivement /:van welk Copie hier is bijgevoegd:/ aan 't opperhoofd van P=lo Caijl vervolgens

NL-HaNA_1.04.02_3842_0405 view scan ↗

English

2619 the 26th of April 1790 Subsequently (the sea breeze coming through) weighed anchor and sailed toward the Roadstead, where toward evening we dropped anchor at a depth of 10 fathoms, muddy bottom, bearing Frissiaan Doere South-Southwest and the flag of Porto Cail West. The 23rd anchored. The 24th took on a pilot named Jan Casper Nieuwenhuys, but as weather and wind did not permit, we could not weigh anchor until the night of the 25th, and then set sail with a westerly wind, very squally weather, lightning and thunder, setting course for the Roadstead of Colombo. The 26th with daybreak sighted land, and arrived at Colombo; subsequently dropped anchor in the Roadstead of Colombo around 4 o'clock in the afternoon, sharp stem, at the depth of 6 fathoms of water. The ship and crew are in good condition; needs some repairs to the rigging, yet no more than is ordinary for other ships coming from the sea. Have had no deaths, nor any sick other than one for the present, though he is on the mend, up and about. Lacking fresh water and further provisions. Done on the packet boat aforesaid, lying anchored in the Roadstead, Colombo the 26th of April 1790. Monday the 17th of May 1790 Extract Resolution Taken in the Council of Ceylon by way of circular question. Report to the Chief. Porto Cail The small vessel arrived today is the Honorable East India Company's packet boat the Maria Louisa, for the presiding Chamber Amsterdam, destined for Ceylon, to navigate from there to the Cape of Good Hope and vice versa; has nevertheless, according to the Honorable Company's instructions, made landfall in this bay; draws 12½ feet; has no cargo except a small quantity of coal and pipe staves, and furthermore the packets for Colombo. Departed the 9th of October of the current year from the Texel Roadstead; after two months and twenty days of sailing landed at the Cape of Good Hope; departed again from that cape on the 16th of January, but was delayed for a long time by the South-Easterly wind, and between the Equator and 9 degrees North latitude had almost a month of contrary winds and calms. Has had no deaths, nor any sick except one man, who is nevertheless on the mend. The crew consists in all of 24 heads, mounted with 8 swivel guns; was provisioned for 7 months, and still has 3 water casks. The undersigned requests some refreshments and some fresh water for his crew. Requests also (if the season still permits such) a pilot to pilot the packet boat to Colombo; but in case such cannot be done, to then be allowed to receive such orders as to govern himself accordingly, and that principally for a speedy transmission of the packets for Colombo. Done on the packet boat aforesaid, lying anchored near Porto Cail at the depth of 9 fathoms, the 22nd of April 1790. J. T. Steffens

Dutch transcription

2619 den 26 April 1790 Vervolgens /:de zee wind door komende :/ Ligten 'z op de uijtgeleeverd anker, en zeijlden na de Rheede, alwaar tegens t Jaquet Bood den Avond ten anker kwamen, op de diepte usa komende uijt van 10 V=m Moddergrond, Peijlden Frissiaan Doeré voor reekening van ZZ W, En de vlag van P=lo Caijl west nsterdam merder denber pr C:to Den 23e ten Anker den 24 Kreeg een Loods genaamd Jan Casper - p:s 100. —. Nieuwenhuijs, dog terwijl, weer en wind niet 12en 1. permitteerde, zoo konden niet voor 's nagts van de Hoop den 25 '1 Anker ligten, en gingen als toen onder n boodem zeijl, met een weste wind, zeer buijig weer, silkrs de Memorie aken. en Donder stelden de koers na de Rheede van Colombo 22j3. „libea Den 26=e Met den dag zien Land, en - p:s 1000 — erd - „ r arriveeren te Colonels lieten vervolgens 't anker vallen ter Rheede van Colembo ongeveer 4 uuren (in den Agtermiddag:) scherpen steven op de diepte van 6 vm water dan Ial en vergoeden 't Schip en Equipagie, bevind zig in goeden staat heeft eenige reparatien nodig, aan Tuijg, Egter niet meerder, als ordinair aan andre scheepen die uijt zee konnen Hebben geene Dooden gehad, ook geene ziekker dan een voor 't tegenwoordige, dog is aan de beter= hand, gaande en staande Mankeerinserswater, en verdre Victualie Actum in 't Pacquetboot voormeld, Leggende G'ankerd ter Rheede, Colombo den 26 April 1790. 5. — horden 5. 1/78. 2 — /2. - - —. ½5 en ten voor„ te boeken 2616. nder g'insereerde Louiza, en is daar artikel word aen Maandag den 17. Maij 1790 Extrakt Resoluutsie Genoomen in Raede van Ceilon bij weege van Roudvraege. op A F. Sessers. gten aden w N meld tuij g a„ ha er van len Mij Nts. ts „ volgens d Nederland 6:— n Maandag den 17. Maij 1798. nder g'insereerde Louiza, en is daar artikel word aen usa komende uijt voor reekening van t Paquel Boot op de uytgeleeverd nsterdam 2. de Hoop n boodem re Memorie 2. - - - - 6. — P. hoeden 5. 1/718 — — /½2. - - —.½ meerder minder p:r C:to Extrakt Resoluutsie Genoomen in Raede van Ceilon op bij weege van Rondvraege. - p: 100. —. 10 een „ken. 22j5. libra - p:s 1000- 4d - „ Scherpen steren dan Ial en vergoeden een ten voor„ „te boeken Nederland 2619 de Hoop n boodem Maandag den 17. Maij 1790. nder g'insereerde Louisza, en is daar artikel word aen ¶ Jaquet Bood uisa komende uijt voor reekening van op de uijtgeleeverde nsterdam re Memorie 2. meerder minsel p:r C:to der2t - - - 6. — —. ½ hoeden 5 3 2 — /2. - - —. ½5 Btrakt Resoluutsie Genoomen in Raede van Ceilon op bij weege van Roudvraege. 2619 n p: 100. —. 10en „ken. 1113. libea - p:s 1000- erd - „ Scherpen steven den Ial en Vergoeden een ten voor„ „te boeken Nederland Maandag den 17. Maij 1790 nder g'insereerde Louijza, en is daar artikel word aen ¶ Paquet Bood usa komende uijt voor reekening van op de uijtgeleeverd 100. de Hoop n boodem re Memorie 2 - - - - 6. — —.½ horden 5 5. 1/78. — — /2. - - —. ½5 moeder dinbee p:r C:t Btrakt Resoluutsie Genoomen in Raede van Ceilon op bij weege van Roudvraege. 2619 n nsterdam - . p:s 100. —. 1 een „ken. 22j3. libca - p:s 1000- rd - „ Scherpen steven den Ial en Vergoeden een ten voor„ „te boeken Nederland 2619 Bxtrakt Resoluutsie Genoomen in Raede van Ceilon bij weege van Rondvraege. op Maandag den 17. Maij 1790 Berigt aan het opper Hoofd. Pta Caijl 2617 nder g'insereerde Louijza, en is daar artikel word aen op de uijtgeleeverd ¶ Jaquet Bood usa komende uijt voor reekening van nsterdam mader minbee p:r C:t -. p:s 100. —. 1en 100. —. m. Het op heeden g'arriveerde scheepje is het de Hoop 's E O:t Ind=e Comp=s Pacquetboor de Maria Louisa n boodem ce Memorie voor de presidiaale Kamer Amsterdam „ken. Gedestineerd naar Ceijlon, om van aldaar 11j3. libea naar Caab de goede Hoop et vise versate Navi„ p:s 1000 — geeven, Is egter volgens 's E Comp=s Instruc„ ad - „9 Scherpen „tien in deeze Bogt aangeland, gaat diep steven 12½ voeten, heeft geene Lading als een weinig eden Ial „ vergoeden Steenkoosen, en pijpedúijgen, en Voorts de Pacquette Voor Colombo Is vertrokken den 9=e Octob=r C: C: van de Rheede Texel, na Twee maanden, en Twintig dagen zeijlens aan Coab de goede Hoop aangeland van dien uijthoek weder vertrokken den 16e: Januarij, dog is lang opgehouden door de ZO=te Wind, en tusschen de Linie, en de 9 graden N Breedte, bijna een Maand Contrasie winden en stiltens gehad 2. - - - - 6. - —.½ 5. — horden 5. 1/18. — — /2. - - —.½ en ten voor„ te boeken Nederland ƒ ƒ heeft geen dooden gehad, als ook geene ziekker als een Man, die Egter aan de Beter hand is De Equipagie bestaat in alles 24 koppen gemonteerd met 8 Draaijbassen is gevictua¬ liëerd geweest voor 7 Maanden, en heeft nog 3 Varkens water Den ondergeschreeve verzoekt om Eenige ver= versing, en wat zoet water voor desselfs Equipagi Verzoekt meede (zoo 't zaaijsoen zulks nog permitteerd:/ om een Loods, om de Pacquetbort na Colembo te loodsen, dog Inzien zulks niet kan geschieden, als dan dusdanige ordres te mogen erlangen, om 'er zig na te kunnen reguleeren, en wel principaal, tot een spoedige Overmaaking van de Pacquetten voor Colombo Actum in 't Pacquetboot voormeld Leggende g'ankerd Omtrent P=lo Caijl ter diepte van 9 vm den 22 April 1790 /:1:9:/ J: Te: Steffers 2619 Maandag den 17. Maij 1790 nder g'insereerde Louijza, en is daar artikel word aen t Paquel Boot usa komende uijt voor reekening van op de uijtgeleeverd - . p:s 100. —. 100. — . de Hoop n boodem ce Memorie 2 - - - - 6. — —. ½ hoden 5.—. 5. 1/78. — /2. - - —. ½5 en ten voor„ meeder minsel p:r C:t Btrakt Resoluutsie Genoomen in Raede van Ceilon op bij weege van Rondvraege. nsterdam 1een „ken. 11js. libea p:s 1000- rd - „ Scherpen steren den Ial en vergoeden l te boeken Nederland

NL-HaNA_1.04.02_3842_0417 view scan ↗

English

2619. Monday the 17th of May 1790. There was resumed by circular distribution an inserted finding below concerning the packet boat Maria Louisa, and upon each article it was disposed as indicated beside it. 2618. Finding upon the delivered cargo of the packet boat the Maria Louisa, arriving from the fatherland on account of the Amsterdam Chamber. The undersigned commanding the Honourable Company's packet boat the Maria Louisa declares hereby: That neither he, the declarant, nor any of his crew was present at the loading of the cannonballs in Amsterdam; that the loading had already taken place when the undersigned together with the entire crew came on board this vessel. Whereas now, upon the cannonballs coming ashore here, six pieces of twenty-four-pounders, according to the statement thereof, are missing. Which the undersigned attributes to an error occurring during the counting in Amsterdam, or that the same have remained hidden among the ballast presently still on board, or fallen overboard during unloading, or gone astray while being transported to the shore here. Colombo the 11th of May 1790. Was signed: A: F: Steffers. Extract Resolution Taken in the Council of Ceylon By way of circular query. Agrees: S Egklerk Checked: Maas 2619. It was approved and understood, in order that the ballast iron remaining on board, upon the departure of this vessel to the Cape of Good Hope, be charged thither. The Captain says by declaration: Finding upon the delivered cargo of the packet boat the Maria Louisa coming from the fatherland on account of the Chamber Amsterdam. In the iron warehouse. more less per cent Section 1. Large iron ballast According to invoice pieces 100. Annexed report Letter A: remained on board as ballast 2400. To charge this iron to the Cape of Good Hope, whither this vessel is to depart, and to make mention in the ordinary memorandum to the Netherlands. In the ammunition house. Section 2. Round shot of 24 lb caliber According to invoice pieces 1000 Declaration Letter B: delivered still on board among the ballast in Amsterdam, thus of the delivery of these round shot likewise to give notice to the Lords Masters, but the superiors shall have to reimburse the 6 pieces short delivered to the pay accounts of the said Captain and his officers. Whereas the Captain says in his defense that the shortage of these 6 round shot might have arisen from a miscount during the loading in Amsterdam, or that his Honour nor any of his crew were present at the loading, or fallen overboard during unloading, or gone astray while being transported to the shore here, against which the Honourable Messieurs Rijntous and Hove were of the opinion that this charge cannot yet take place for the aforesaid reasons given by the Captain. In the blacksmith's shop. Section 3. Smithing coals According to invoice hoeden 5. Report Letter C: delivered 5. 1/78. more 6. 1/2 To enter these surplus delivered coals to the benefit of the General, and to make reference in the memorandum to the Netherlands. 3. It was understood to have these 1/36 hoed of smithing coals found in surplus taken in for the Company. Disposition of the Lords Major: It is out of consideration that the... Monday the 17th of May 1790. Extract Resolution Taken in the Council of Ceylon By way of circular query. to let be charged. 52

Dutch transcription

2619. Maandag den 17. Maij 1798: Js door Rondzending geresumeerd een hier onder g'insereerde Bevindina van de paket Boot Maria Louijza, en is daar elk artikel word aen 2618. ling op de uijtgeleeverd in de Jaquet Boot Den ondergeschreeve Commandeerende 't 's EComp:s Louisa komende uijt ind voor reekening van Prequetboot d'Maria Louisa verklaard bij deesen Amsterdam Dat niet hij declarant, nog een van zijner Equi„ moede winsee p:r C:to zijn „pagie peesent is geweest, bij de Jnlaading p: 100. —. van de koogels te Amsterdam, dat die Jnlaa„ binnen „ding rheeds was geschied, toen den ondergeschree ast - - - 2 400. —. „ve benevens de geheele Equipagie aan boord Goede Hoop deezen boodem waaren gekomen. woone Memorie Daar tegenswoordig bij 't alhier aan de wal ge„maaken. #iehuijs. „koomen zijnde kogels, zes stuks vier en lb: Calibea twintig ponders /volgens opgaave daar . - - p:s 1000— van:/ zijn man keerende. 't welk den ondergeschreve toe-schrijft aen rondscherpen een abuijs gebreurd bij 't Intellen te Amster¬ meesteren „dam, of dat dezelve, thans nog tusschen de aen verheeden zal boord bevindende Ballast is blijven verstee„moeten vergoeden „ken aan wel overboord gevallen, bij 't uijtlae„kel „den of weggeraakt bij 't alhier aen de wal Transporteeren. 5. — horden Colombo den 11: Maij 1790: /:was geteekend:/ leeverd„ 5. 1/18. A: F: Steffers. — — /2. . . — Koolen, ten voor„ al in te boeken an Nederland gleeverd - „ 294: — - - 6: ——. ½ Hijbrands Extrakt Resoluutsie Genoomen in Raede van Ceilon bij weege van Rondvraege. op Accordeert S Egklerk 2619 Js door Rondzending geresumeerd een hier onder g'insereerde Bevinding van de paket Boot Maria Louijza, en is daar Maandag den 17. Maij 1798. Extrakt Resoluutsie Genoomen in Raede van Ceilon bij weege van Rondvraege. op ling op de uitgeleeverde an de Paquet Bood Louisa komende uijt End voor reekening van Amsterdam zijn meerder minser p:r C:t p:s 100. —. binnen last - - - 2100. —. Goede Hoop deezen boodem Gewoone Memorie maaken. iehuijs. lb: Caliber . - - p:s 1000. – eleeverd - „ rondscherpen meesteren verheeden zal moeten ver goeden ckel. 22 - - - 6. - —.½ leeverd „ 5. 1/78. koolen, ten voor„ al in te boeken Car Nederland hoeden 5. — — – /2. - —. 25 1 elk artikel word aen, Nagezien Maas 2619 Is goedgevonden en verstaan, om dat binnen boord verblieven ballastijzer, bij vertrek van dit vaartuig na de Caab de Goede Hoop, derwaards te De Kap:n zegt bij vonkel: bij de ontlossing weggeraakt zijn, nopens de minderheijd e meerderhoid van Stemae ijser taam ter sauis bij f duto dene 6. rondscheapen op de zoldij reeke„ beviendende balbrist zijn Is door Rondzending geresumeerd een hier onder g'insereerde Bevinding van de paket Boot Maria Louiza, en is daar op zondanig gedisponeerd als bezijden elk artikel word aen, geteekend. Bevinding op de uijtgeleeverde Laeding van de Paquet Bood de Maria Louisa Komende uijt 't vaderland voor reekening van de kamer Amsterdam Jn 't ijzermagazijn meeder minser p:r C:t 5 1. Groote ijzere ballast p:s 100. —. Volgens faktuur geannexeerd raport La: A: binnen boord Verbleeven tot ballast . . - 2400. —. Dit ijzer naar de kaap de Goede Hoop aantereekenen werwaards deezen boodem staat te vertrekken en bij de gewoone Memorie naar Nederland gewag te maaken. Jn 't Ammunietsie huijs. § 2. Rondscherpen van 24. lb: Calibea Volgens faktuur. . . . . - - p:s 1000 – „ Verklaring L:a B: geleeverd - „ nog aan boord tusschen de ballast gels te amsterdam dus van de uijtleevering deezer rondscherpen insgelijks aan de Heeren meesteren Kennis te geeven, dog de overheeden zal ningen van gem: Cap: en zijne Cap: luij blijven versteeken van wel de de mint geleeverde 6. p:s moeten vergoeden Jn de Smitswinkel. 83. Smeekooslen Volgens faktuur. . . . . hoeden „ raport L:a C: geleeverd 5. 1/12. „ — /2. - - —. ½ Deeze meerder geleeverde koolen ten voor„ deele van 't Generaal in te boeken en bij de memorie naar Nederland aanhaaling te doen. 5. — - - - 6: —:½ verantwoording van den Capn stiffer, dat de minderheijd van deeze E: E: dat zijn E: nog 6. rondscherpen soude zijn ontstuen, geen eene van zijne equlipa„ uit mistelling bij de inladding te gie present waaren bij de waar en teegen dE:s Rijntous en vollen bij 't alhier aan de wal hove van advies waaren, dat deeze ttransporteeren belasting als nog geen plaats kan hebben, om de voorsz: door den Cap:n ge„ geevene redenen 3. Is verstaan om deeze meerder bevondene 1/36. hoed smeekoolen, voor de Comp: te laaten innemen. Dispositie van de Heeren Majoores; witlansen of weg gezaakt Js uit aanmaking dat de Maandag den 17. Maij 1790 Btrakt Resoluutsie Genoomen in Raede van Ceilon bij weege van Rondvraege. op laaten aunreekenen. 52

NL-HaNA_1.04.02_3842_0422 view scan ↗

English

5 to let the unserviceable canvas and broad sailcloth taken from the vessel here be used for parceling. 55. It is understood for communication that one unserviceable mainsail has remained on board, and that this is to be noted in the expense account of this vessel: 1 brig spanker 1 main topgallant sail, unserviceable, having been in use since the month of December 1788 1 fore topgallant sail These sails have been unbent, remeasured, and found as follows: 202 covids of old canvas from the aforementioned brig spanker, namely: 96 covids that can be used for patch cloth for the vessels 107 covids that can be used for parceling, being patches and gores and therefore cannot be accounted for in the books; 117 covids of broad sailcloth, entirely old and worn out, thus serviceable for nothing other than parceling and therefore cannot be accounted for in the books, namely: 65 covids from the aforesaid main topgallant sail 52 covids from the fore topgallant sail 1 unserviceable mainsail remained on board. To write off the 3 unserviceable sails and to take in the 96 covids of incoming canvas that can still be used for patch cloth for the vessels; however, to let the remaining 107 covids of canvas and 117 covids of broad sailcloth, which can be used for no useful service except solely for parceling, be employed for that purpose; and to debit this vessel for the unserviceable mainsail that remained on board. Colombo, 14 May 1790. Was signed: M. F. Raket; in the margin: Recalculated: W. A. Berghuijs. Agreed. 54. Delivered from the needs of this vessel into the Equipage Warehouse. Hybrands, clerk. See report 2. A. van Hoof Checked Separate 2623 Batavia To His High Excellency, The High Noble, Right Honorable, Highly Venerable, Sovereign Ruler, Mr. Willem Arnold Alting, Governor General on behalf of the state of the Free United Netherlands and the General Dutch Chartered East India Company, and The Right Honorable Gentlemen Councillors of the Netherlands Indies. High Noble, Right Honorable, Highly Venerable Sovereign Ruler, Right Honorable Gentlemen! Some time ago, one of the chief courtiers, whom I have reason today to believe is very well disposed toward the Company, informed me in no uncertain terms that the King, otherwise a good man, was beginning to indulge somewhat excessively in his pleasures and, so to speak, was making that his principal occupation; A. van Hoof Checked that some Nayakkars, profiting from his weakness, were carrying off a large amount of cash out of the country, which was being spent on the Coromandel Coast on various worthless things; that through this, these Nayakkars were beginning to ingratiate themselves deeply into the King's favor, so that he, contrary to custom, was beginning now and then to employ them for administrative errands in the country, which not only served to cause notable displeasure among the courtiers, but also generally resulted in various extortions of the common man. He therefore had me requested to counteract the wandering back and forth of these people to and from the coast, in order thereby to deprive them of the means to bewitch the King so greatly; and I thought it all the more necessary to comply with this request, because the more such running back and forth by a party of bad fellows can be prevented, the better it is. I have therefore further recommended the execution of an order already established a few years ago, to be somewhat vigilant regarding the arrival and departure of natives who are not known, both in Jaffnapatnam and in Mannar. Thereupon some people were detained, whom I have not only ordered to be well treated otherwise, but even to be given some maintenance if necessary. When our envoy was in Kandy, he was spoken to about this by the courtiers, as Your High Excellencies will see from his submitted report. When he replied to them that experience had shown that a party of bad people were using the name of the Court in bad faith, but that whenever the Court wished to send some people to the opposite coast or have them come from there, the necessary passports would be granted for that purpose, they acquiesced without speaking of it any further. I will now wait a little longer to see whether any requests might come regarding the detained people, especially since from the above I believe I may infer that it is generally not disagreeable to the courtiers that the frequent wandering to and fro of the Nayakkars is somewhat prevented in this manner. The letter from the Nawab to the King of Kandy, which is mentioned in the letters from me and the Council departing concurrently with this one, was sent to me from Kandy to have it translated here. It was written in Persian, and contains nothing of importance, as Your High Excellencies will see from the copy of the translation accompanying this. It is thus sufficiently apparent that this correspondence contains nothing of interest; nevertheless, I hope that Your High Excellencies will approve that the Nawab's servant, Abdul Kader, was not granted permission to carry the letter upstairs himself, as he had a great desire to do. The counter-gift from the King of Kandy was very meager this time. It consisted of a robe of honor, which I had sent to the King of Kandy not long ago, with a piece of embroidered Surat cloth of no great value. The small chest in which these goods were packed was sent to me open, with a request that I would add a pair of fine pommeries and have them noted on the gift list, as I have done. I foresee well enough that the Nawab will hold it to my account that the King did not send him any elephants this time, but I

Dutch transcription

5 sje bij doondleds alhier geligte d: onbeg: men de Iaar aan bruijkbaar vooordege doek en breedeverdoek te laaten ein„ ploijeeren tot smartings. 55. Is verstaan voor kommunica„ sijl binnen boord verbleeven is, en dat te laaten noteeren bij de onkostree„ kening van dit vvaartuig 1. brik bezaan 1. groot bramzeil onbeq: als zijnde sedert de maand xber: 1788. in gebruijk geweest 1. Voor bramzijl - - Deeze zijlon zijn losgetort nagemeeten en bevonden als volgt 202. C:s oud zijldoek uijt voorm: brik bezaan, te weten 96. C:o dat gebruijkt kunnen worden tot lapdoeken voor de vaartuijgen 107. „ dat tot smartings kunnen gebruijkt worden als zijnde lappen en gieren dus bij de boe„ ken niet kunnen verantwoord worden, 117. -. - „ breed wverdoek geheel oud en versleeten dus nergens tot dienstig dan tot smartings dus bij de boeken niet kunnen verantwoord worden; als. 65. C:s van voorschv: groot bramzijl 52. „ „ do —. Voor 1o—. §5. 1. groot maazijl onbequaam binnen boord verbleeven - - De onbequaame 3 Zeijlen te laaten afschrijven en de Iaar van ingekoomen 96. C:to zijldoek die als nog tot lapdoeken voor de vaartuijgen kunnen worden gebruik in te neemen, dog de overige 107. C: Zijldoek en 117. C: breed wverdoek die tot geen nuttig dienst kunnen gebruijkt worden als een„ lijk tot Cmarting daar voor te laaten emploij„ eeren en de binnen boord verbleeven onbequaam groot maazijl deezen booden te debiteeren. Kolombo den 14. ' Maij 1790. /:was getekend:/ M: F: Raket, /: in mar„ gine:/ Nagereekend /: W: A: Berghuijs. Accordeerd. 54. uijt de behoefte van deezen boodem gelevert Jn het Equipagie pakhuijs. Hybrands lijklerk Vide Craport 2 AvnHoof Nag zien Appart 2623 Batavia Aan zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edelen Gestr: Groot agtb: wijdgebiedenden Heer M:r Willem Arnold Alting weegens den staet der vrije vereenigde Nederlanden en de Generaale Nederlandsche geoktroijeerde oost Jndische kompenie Gouverneur Generaal ende De wel Edele Gestrenge Heeren Raeden van Nederl: Jordien Hoog Edele Gestr: Grootachtbaere wijdgebiedende Heer„ Wel Edele Gestrenge Heeren! Een tijd lang geleeden deed mij een der eerste Hofsgrooten die ik heeden heb van te ge- looven dat de komp: zeer is toegedaan, in wij onbewimpelde termen weeten, dat de koning anders een goed man, zig wat veel begon overtegeeven aan zijne flaisieren en om zoo te spreeken daer van zijne voornaamste bezigheid maakte. d kig Dat J W: 22: 2620. S Ha stoos er Avin Hoof Nag zien Dat eenige Naikers van zijn swakheid profiteerende een goede partij kontanten uit het land sleepten, die op de kust van kormandel aan deze en geene niets waardige dingen wierden besteed. Dat deze Naikers zig hier door diep be= gonnen te dringen in skonings gunst zoo dat wij hun teegens de gewoonte nu en dan begon te gebruijken tot be- stellingen in het land, het geen niet alleen strekte tot merkelijke ongenoe gen van de Hofsgrooten, maer ook doorgaans uijtliep op verschijde kneve larijen op den gemeenen Man. Hij liet mij daarom verzoeken dat ik het over en weder zwerven van dit volk na en van de kust wilde teegen gaan, ten einde hun daar door te beneemen „de middelen om den koning zoo zeer te beleesen, en ik heb te meer aen dit verzoek meenen te moeten voldoen, om dat het meer men een diergelijk voet en weder loopen van een partij slegte knaapen, kan voorkoomen, hoe beeter het zij. Jk heb daarom naader aanbevoolen de exekutie van een ordre reeds voor een paer Jaeren ge steld, om wat oplettend te zijn, op het aankoomen en afgaen van inlanderen die niet 62 2621 2623 niet bekend zijn zoo te Jaffenapatnam als te Maarnaar zijn daer op eenige luij- den aangehouden, die ik niet alleen be„ kig zij. last heb voor het overige wel te behande= len, maat hum zelfs zoo het noodig is ndschap. eenig onderhoud te geeven. Toen onze geszant, in kandia wat is hij door de Hofsgrooten daer over aangesprooken zoo als uw Hoog Edelheden dat zien zul len bij zijn ingediend rapport. Jn zijn antwoord daer op gegeeven, dat de onder- vinding geleerd had dat een partij slegt volk zig ter kwaader trouw van de naam van het Hof bediende, dog dat wanneer het stof eenige luiden na de overwal wilde zenden of van daer doen koomen, de noodige- paspoorten daar toe zouden worden verleend hebben ze berust zonder daar verder over te spreeken. Jk zal nu nog wat wagten om te zien of et nofons de aangehoudene menschen eenige aanzoeken koomen mogte, te meer ik uit het voorenstaende meen te mogen opmaeken dat het de Hofsgrooten in het algemeen niet onaangenaam is dat op dee- De wijze het veel af en aanzwerven der Naikers wat worde voorkoomen. De brief van den Nabab aan den koning van Kandia, waer van bij de brieven van A:VL: Nabab te Nagzien A van Hof van mij en den Raad met deezen tegelijk afgaande gesprooken word, is mij uit kan dia toegezonden om ze hier tedoen vertaelen. ze was in het Persiaans geschreeven, en behelft niets van belang zoo als uw Hoog Edelheden dat zien zullen uit de koffij van de vertaeling die hier nevens gaet. Het blijkt dus genoeg dat deeze korrespondentie niets interressants in houd, nogtans hoop ik dat uw Hoog Edelheden het voor welgedaen zullen hou den dat aan swababs bediende Abdul kader geen verlof gegeeven is om den brief zelve na boven te brengen, zoo als wij groote lust had te doen. Het kontra geschenk van de koning van kandia is ditmael wij smal geweest. Het heeft bestaen in een eere kleed, dat ik den koning van kandia niet lang geleeden hadde toegezonden, met een stuk surasse boutidaar van niet veel waerde. Het kasje waer in deze goederen waeren afge pakt, wierd mij open toegezonden, met verzoek dat ik er nog een paer fijne pommeries wilde bijvoegen, en die op de schenkagie lijft doen aanteekenen zo als ik heb gedaan. Ik voorzie wel dat de Nabab het op mijn de kening zal stellen dat de koning hem dit mael geene Elephanten gezonden heeft, dog ik

NL-HaNA_1.04.02_3842_0429 view scan ↗

English

I think it is better to compensate for that, should he speak of it, by sending him a few more elephants, rather than to consent to such embassies. One Englishman or another who might have a desire to see Kandy could, once that had crept in, easily persuade the Nabob to be entrusted with such a commission. With regard to the exchange of ratifications of the Treaty with the Nabob, I have deliberately sought to delay matters somewhat, because for a clear proof of our exclusive right, it is necessary that Verwijck be forbidden from further purchasing linen in the Marawa countries, and because I foresee that if this point is pressed at present, it will be objected against us that we have no money to help the inhabitants to work. I would not know how to refute this objection, and if we are not provided with a good amount of gold by the ships, I hardly foresee that I will be able to accomplish anything further on this matter than merely having a certain period determined regarding Verwijck. This may also satisfy our purpose, serving only to have our right recognized, since after all we cannot purchase all the linen that these lands provide, unless the Company were to increase its demands considerably and the necessary funds were sent out for that purpose. I commend Your High Right Noblenesses to God's merciful protection and have the honour to be with all high esteem and true faithfulness, underneath stood: High Noble Severe, Highly Honourable, Far-ruling Lord, Right Noble Severe Lords! Your High Right Noblenesses' humble and obedient servant, was signed: W. J. van de Graaff. In the margin: Colombo, 7 May 1790. Agreed Wrmnserank Checked A. v. Hoof No. 34 Translation of the letter written by the Nabob of the Carnatic to the King of Kandy. May the Ruler of Kandy always be happy. I have great affection and friendship for you. You yourself know that. May your reign always remain happy. I send you a present with Abdul Kader, so that it may serve for your pleasure. On the envelope was written: The Nabob Wallajah Amir-ul-Umara to the Ruler of Kandy. Checked A. v. Hoof No. 22 Checked A. v. Hoof No. 34 Patria To the Right Noble and Highly Honourable Lords Directors At the Assembly of the Seventeen, Representing the General Chartered Dutch East India Company at the Presidial Chamber Amsterdam Right Noble, Highly Honourable, Wise, Provident, Most Generous Lords! After our respectful letter of the day before yesterday had already been closed and was ready to be dispatched, the first undersigned Governor received the further reports which we take the liberty of imparting to Your Right Noble High Honourables in this postscript. According to these, the English Army of Madras set out on the march from Tiruchirappalli on the 6th of this month to invade the lands of Tipu Sultan. This army, which is commanded by Mr. Medows, is said to consist of: Five regiments of cavalry, each of 400 horses. Five regiments of European infantry, each of 600 men. Two battalions of European artillerymen, each of 700 men. Twelve battalions of sepoys, each of 800 men, with 70 cannons, among them 40 battery pieces. This news also states that the Nabob Tipu Sultan was likewise about to be attacked by the Marathas and by the Nabob of Golconda, Nizam Ali. The former are said to have two battalions of English sepoys in their army, and an English detachment from Bengal consisting of six battalions was about to join with Nizam Ali. Notwithstanding that Tipu is thus threatened from all sides, he has nevertheless dared to continue with his acts of violence. He has caused Cranganore to be so closely pressed that the garrison of the King of Travancore, seeing that they could no longer defend themselves, abandoned this fort, of which Tipu Sultan made himself master on the 6th of this month. He immediately began to have it demolished. The Bombay detachment encamped at Ayicotta probably did not find itself strong enough to prevent this, or else did not consider itself authorized to act before the English Army had broken camp from Tiruchirappalli. Now that this army has marched, and Tipu will have to think of his own safety, one may reasonably trust that his acts of violence will soon be checked and that on this occasion he can be brought to a state of deep humiliation. We commend Your Right Noble High Honourables, together with the weighty interests of the Company, to God's safe keeping, and have the honour to remain with due respect, Right Noble, Highly Honourable, Wise, Provident, Most Generous Lords! Your Right Noble High Honourables' humble and faithful servants, W. J. van de Graaff Malaket Chr. Silenius J. Vollenhove P. D. van Lier Colombo 24 May 1790 Checked A. v. Hoof Checked A. v. Hoof Examined D. Gerritsz

Dutch transcription

2622 2623 ik denk dat het beeter is dat te vergoeden als Hij 'er van spreeken mogt, met aan hem nog een paar Elephanten tezenden, dan om in zulke bezendingen te bewilligen. De eer of de andere zig zij Engelsman die lust mogte hebben om kandie ndschap. te gaan zien, zoude wanneer dat eens ingesloo stoos pen was den Nabab makkelijk kunnen be= er practen om met zulk een kommissie te worden belast. Jk heb met de uitwisseling der ratifikatien van het Traktaet met den Nabab, het met voordagt, wat op de lange baar zoeken te schuiven, om dat het tot een duidelijke blijk van ons exklusief regt, noodig zij, dat aan verwijk verbooden word het verder inkoopen van lijwaeten in de Marruasche landen, en dat ik voorzie, dat wanneer op dit stuk tans word aengedrongen, men ons voorwerpen zal dat we geen geld hebben om de ingezeetenen aan werk te helpen. Deeze objektie zoude ik niet weeten te ontleg- gen, en zoo we met de scheepen niet van een goede partij goud worden voorzien, voor zie ik haast niet, dat ik het op dit stuk verder zal kunnen brengen, dan alleen dat er nopens verwijk een zekere tijd bepaeld word. Dit kan ook voldoen aan ons oog- merk, alleen strekkende om ons regt te doen erkennen, wijl we tog alle de lijwaeten die A:VL: Nabab. den 2on Nagtzien S hn Hoof die deeze landen geeven niet koopen kunnen, ten zij de komp: haare eis- schen merkelijk mogte vergrooten, en dat daar toe de nodige fondsen worden uitgezonden: Jk beveele uw Hoog Edelheden in Gods genoedige bescherming en heb de eere met alle hoog agting en waare trou we te zijn. /:onderstond:/ Hoog Edele Gestr: Groot Agtb: wijdgebiedende Heer Wel Edele Gestrenge Heeren! uw Hoog Edelheden ootmoedige en gehoorzaame die naer /:was getekend:/ W: J: van de Graaff in margine:/ Kolombo den 7. Meij 1790 Akkordeen Wrmnserank W:VL: 2623 Nabab- den kig zij. indschap. ltoos der Nag zienƒ AunHoyf No. 34 2623 Vertaaling van den brief door den Nabab. van karnatika geschreeven aan den kooring van kandia Dat de Regeerder van Randia altoos gelukkig zij Ik hebbe vóór uw: veel genegentheid en vriendschap. uw: weet dat zelfs. uw regeering blijve altoos gelukkig. Jk zend uw: met Abdul kader een geschark, op dat het uw: tot gevroegen Op het kouvert stond: De Nabab Wallaja Sinier olaum aan den Regelader van Kandia. J W:DL: verstrekt. Nagzien Ahn Hoof No: 22 Nag Ziemƒ AunHoyf N:o 34. 2624. Patria Aan de wel Edele Hoog achtbaare Heeren Bewindhebberen Ter vergadering van seventienen, Represen„ „teerende de Generaale Nederlandsche geoktroi= eerde Oostindische kompenie ter Presidiale kamer Amsterdam WelEdele, Hoog achtbaare, wijze voorzienige zeer Genereuze Heeren! Na dat onzen eerbiedigen brief van eergisteren reeds geslooten en gereed was om te worden gedepecheerd, heeft den eerst ondergeteekende Gouverneur ont„ vangen de nadere berigten die wede vrijheid neemen uw wel Edele Hoog achtbaare No 22: AanHoyf Nag ziemƒ achtbaare nog bij dit nabriefje te bedeelen: Volgens dezelve is de Engelsche Ar„ mee van Madras. , den 6: deezer van Fritsanepallie op Marsch ge„ „gaan om in de landen van Pipoe sultan intevallen. Deeze Armee die gekommandeerd word door den Heer Medows word gezegt te bestaan uit: Vijf regimenten kavallerij ieder 400: Paarsen. Vijf Regimenten Europeese Infante„ rij ieder 600: koppen. Twee battallons Europesche Artille„ kisten ieder 700: koppen. Twaalf Battallons sipais ieder 800: koppen. met 70: kanons daar onder 40: batterij stukken. Nog zegt deze tijding dat de Nabab Tipoe 2625 Pipoe sultan ook stond teworden aangetast: door de Maratters en door de Nabab van Golkonda Frisam Alie: De eerste zoude twee battaljons Engelsche sipaijen in hun Armee heb„ ben, en met Bisam Alie stond te kon„ „ „jungeeren een Engelsch detachement uit Bengale, bestaande uit ses Battaljons.- Friet tegenstaande dus Tipoe van alle kan„ ten gedraigt word, heeft hij nogtans met zijn geweldenaaijen durven voort„ „gaan. Kranganoor heeft hij zoda„ „nig doen benauwen, dat de bezetting van de koning van Trevankoor ziende zig niet langer te kunnen vereeeren, dit fort heeft verlaaten, waar van Tipoe sultan zich op den 6:e deezer heeft meester gemaakt J W:VL: Rhin Hoof Nag ziem gemaakt: Hij is aanstonds begon„ nen om het te doen afbreeken. Het Bombaijsche detachement dat te Aijkoste gekampeerd staat, heeft zig vermoedelijk niet sterk genoeg gevonden om dit te beletten, dan wel niet bevoegt ge„ oordeelt om te ageeren voor dat de Engelsche Armee van Tritsenepallie was opgebrooken. Tans dat deeze Ar„ „mee gemarcheerd is, en Tipoe nu op zijn eige veiligheid zal moeten denken, mag men billijk vertrouwen dat zijne geweldenarijen spoedig zullen worden gestuijt en dat hij ten deezer geleegentheid zal kunnen worden gebragt tot een staat van diepe vernee„ dering. Wij 1 2626 den 24e: Maij Wij beveelen uw wel Edele Hoog achtb: nevens de zwaarwigtige belangens der maatschappije in Godes veilige hoede en hebben de eer met verschuldig„ „de respekt te blijven. WelEdele Hoog achtbaare wijze voorzienigen zeer Genereuze Heeren! uw wel Edele Hoog achtbaare onderdanige en trouwschuldige Dienaaren. Hr vndergsaa Mataket Chr Silenius J. Vollenhove Kolombo A:o 1790. Nt. P D Van Letter. A uL: gon„ Avin Hoof Nagzien lelnvend Nag Zienƒ Avin Hoof Nagezien D: Gerritsz W:VL: No

← previous