Inventory 9682
Coromandel · 284 pages · 48 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
Outgoing Letters Coromandel Folio 1 Coromandel's book Dispatch from the Governor and Council to the Governor-General and Council in ditto 14 March 1771 folio 442 to 459 Ditto ditto 14 October ditto folio 474 to 568 14 March 14 October from 1st 15 442 Batavia Certified. Right Honourable, Highly Esteemed, Wide-Commanding Lord Petrus Albertus Van der Parra, Governor-General, and the Honourable Lords Councillors of the Dutch Indies, etc., etc., etc. Right Honourable, Highly Esteemed, Wide-Commanding Lord, and Honourable Lords, Our latest letter containing our respectful advices dated 22 December last, sent via Ceylon, we hope will already have come to Your Right Honourables' hands prior to the sight of this. To His Right Honour fa 447 Batavia will have been received. To the Right Honourable, Highly Esteemed, Wide-Commanding Lord Petrus Albertus van der Parra, Governor-General, and the Honourable Lords Councillors of the Dutch Indies, etc., etc., etc. Right Honourable, Highly Esteemed, Wide-Commanding Lord, and Honourable Lords, Hope that the latest letter containing our respectful advices dated 22 December last, sent via Ceylon, we hope will already have come to Your Right Honourables' hands prior to the sight of this. To His Right Honour Yet nevertheless sending a copy thereof. Receipt of various letters. hands; And although we flatter ourselves with that expectation, we nevertheless take the liberty to offer Your Right Honourables herewith the copy thereof, having at the same time the honour respectfully to bring to your notice that since the dispatch of our aforesaid advices, there have been duly delivered to us again via Ceylon Your Right Honourables' further revered letters of 25 September and 30 October last, per the ships the Erfprins and the Snoek, along with and beside the papers sent therewith, except the bill of lading and invoice of the cargo in the last-mentioned vessel, and duplicate bills of lading 443 Gold 443 The report of the linens received per the Snoek shall serve for information. and invoices of the goods shipped on the first-mentioned keel and the ship the Vrouwe Elizabeth, which have not been received; we thank Your Right Honourables for the gold, which Your Right Honourables, besides that sent with Westerveld, were pleased to send to this Government with the aforesaid two first-mentioned ships, namely the Erfprins and the Snoek, of which 4 chests have already been delivered to us. While in humble reply to the two aforesaid received respected letters, we have taken for our guidance and rule the reports communicated to us from the linen sorters concerning the condition found and their improvement will be attended to. Dispatch of a report from the Pay Bookkeeper concerning the 12 requested Eastern military personnel. of the linens transported from here with the ship De Snoek in the past year, to the improvement of which our attention is constantly directed. And concerning the report of the Chief of the General Pay Office, we take the liberty to present to Your Right Honourables the report received from the Pay Bookkeeper here, demonstrating that of the 12 requested Eastern military personnel, 2 have already departed for Batavia in the year 1769, namely one on the ship Vreedelust and one on Vlaetlust, and one deserted from here in that same year; while the remaining nine item of another report from the Trade Bookkeeper concerning the difference between the Cash accounts and Trade books of the years 1762 and 1763. nine are still here on the coast and, in compliance with Your Right Honourables' esteemed mandate, will be sent over with the first ship departing from here. With regard to the requested elucidation in Your Right Honourables' revered resolution of 22 May of the past year, as to what caused the great difference that appeared to Your Right Honourables between the Cash accounts of the last of August 1762 and 1763 and the Trade books of 1761/2 and 1762/3, with reference to the balances of the Petty Cash, we offer Your Right Honourables in the same manner in all respect a copy of a report regarding this, 444 What the same demonstrates therein. submitted by the Trade Bookkeeper here, who shows therein at large that this was caused solely by the separation that took place in the Trade books, because there each cashier was debited separately for what he had to account for, yet in the Cash book both had run under one sum, because that of the cashier Paulus Looman, on account of the deficit in the transfer made of the Petty Cash to his successor, the cashier Francois Crucius, could not be liquidated, so that the balance of that Cash in the Trade books had to be subject to that separation, Continued. in order to be balanced again upon receipt, as the source of the aforesaid apparent difference will appear in more detail below; namely: The balance according to the Cash book amounting to, under the last of August anno 1762: pagodas 25420. 21. 68. Yet for which Crucius was credited in the Trade book for no more than what he had received, being pagodas guilders 14231. 1. 50. Thus there remained still for Looman's account: 11189. 20. 18. Total: pagodas 25420. 21. 68. Thus the Trade book agrees with the Cash book, except for the small difference of: pagodas -. 2. 40. which
Dutch transcription
Afgaande Brieven Kormandel fo 1 Chormandels blk missive van den Gouvr. & raad aan G & 7. in do. 14 Maart171 fo. 442 a 459 „ „ 14 Octob: _ o fo 474 „ 568 14 maart 14 Octob=r van 1fe — - 15 442 Batavia Zert. Hoog Edelen groot Agtbaare wijdgebiedende heere trus Albertus Van der Parra, Gouverneur Generaal, en de wel Edele heeren Raaden van Nederlands Jndia &=a &. a &=a Hoog Edele Groot Agt„ bare, wijdgebiedende Heer, en wel Edele Heeren laatte brief ou Inse reverente advijsen onder dato 22:' december Jongstleeden over cei„ lon afgezonden, hoopen wij uw hoog Edelens voor visie deeses reeds aan Aan zyn Hoog Edelheijd handen fa 447 Batavia fangen weesen zal. Den Hoog Edelen groot Agtbaare Wijdgebiedende heere Petrus Albertus van der Parra, Gouverneur Generaal, en de wel Edele heeren Raaden van Nederlands Jndia &a &. a &=a Hoog Edele Groot Agt„ bare, wijdgebiedende Heer, en wel Edele Heeren hope dat de laatte brief out Inse reverente adtvijsen onder dato 22:' december Jongstleeden over cei„ lon afgezonden, hoopen wij uw hoog Edelens voor visie deeses reeds aan Aan zyn Hoog Edelheyd handen dog verselling egter van dies Copij receptie van diverse brieven 't zeed=t handen gekomen zullen wesen; En schoon wij ons met die verwag„ ting vlijen, neemen wij egter de vrij„ heijd het afschrift daar van nevens desen uw hoog Edelens aante bie„ den, die wij teffens de Eere hebben Eerbiedig ter kennisse te brengen, dat 't zeederd de afzending onser voormelde advijsen ons over Ceijlon weder wel toegebragt zyn geworden uw hoog Edelens nadere gerene„ reerde missivens van den 25.' Zep„ tember en 30. ' october Jongst ver„ streeken per de scheepen de Erfprind en de Snoek met en nevens de papieren daar bij afgezonden, uijt genomen Cognoiscement factuur van het gelaadene in Laastgemelde bodem, ende Duplicaten der Cog„ g„ noissement nt 443 W goud 443 't berigt vande Lijwaaten perde snoek ontfangen sal tot narigt strecken. noissement Factuuren van het afgestockene met Eerstgemelde kiel en het schip de vrouwe Elizabeth dewelke niet ontfangen zijn; wij danbetuijging voor't gesonden ed een ken uw hoog Edelens voor het goud, dat hoogst deselve, buij„ ten het gezondene met westerveld met de voorsz: twee Eerstgemelde scheepen Namentlijk de Erfprins en de snoek behaagd hebben na dit gouvernement te zenden, waar van ons reeds 4. kisten toegebragt zijn geworden. — Terwijl in nedrige rescribtie van 2 voorsz: gerecipieerde gerespecteerde Letteren tot ons narigt en rigtsnoer„ hebben laaten strecken de ons mede geeeelde berigten van de Lij„ waat sorteerders nopens de bevonde„ en ne 3 „„ en op de verbetering derselve gelet worden verselling van een berigt van den soldij boekhouder weegens de op ontboedene 12. oos„ terse militairen ne Constitutie der van hier met het schip De Snoek in den gepas„ seerden Jaare vervoerde Lijwaaten, op welkers verbeetering ons attentie althoos gevestigd is. — In nopens het berigt van het opperhoofd van het generaal zoldij Comptoir, neemen wij de vrijheijd uw hoog Edelens te presenteeren, het ingekomen berigt van den zoldij boekhouder alhier ter aantooning dat van de op ontboodene 12. oos„ terse militairen; reeds. 2. in den Jaare 1769. als een met het schip vreedelust en een met vlaetlust naar Batavia zijn vertrocken, en een in dat selvese Jaar van hier gedeserteerd is; Terwijl de overige Negen item ne weeg reecq en17 5 item van een ander berigt vanden negotie boekh=r weeg=t 't verschil tusschen de cassa reecq:s en negotie boeken de ao 1762. en 1763. Negen sig nog hier ter custe bevinden en in voldoening van uw hoog Ede„ lens g'eerd mandaat met het eerst vertreckend schip van hier zullen werden overgezonden. —. Ten belange van de gevorderde elucidatie bij uw hoog Edelens geve„ nereerde resolutie van den 22:' Meij des gepasseerden Jaars, waardoor het gecauseerd was, het groot different dat uw hoog Edelens te vooren is gekomen, tusschen de Cassa reekeningen van ultimo augustus 1762. en 1763. en de Nego„ tie boeken van 176½: en 176 21/3. met betrecking op de restanten der klee„ ne Cassa, bieden wij uw hoog Edelens inselver voegen in alle Eerbied aan Copia eener berigt dierweegens door 3 ige 444 wat denselven daarbij aan„ toond. door den negotie boekhouder alhier ingeleverd, die daar bij in het breede aantoond sulx eenelijk veroorsaakt te wesen door de separatie die er bij de Negotie boeken is geschiet. alsoo daar ieder Casseer appart, voor E O het geen hij verantwoorden, moest, gedebiteerd was, dog bij het cassa boek beide onder een Som geloo„ pen hadden om de wille het dezer van den cassier Paulus Looman weegens de te kort koming bij de e e gedaane Transporteering van de kleene Cassa aan sijn vervanger den Cassier Francois Crucius, niet heeft konnen geliquideerd werden, dat het restant dier Cassa bij de Negotie boeken die separatie heeft moeten onderheevig wesen, om 7 vervolg om bij in koming weeder te wer„ den vererend, zoo als de Source van het voorsz: te vooren gekomen verschil hieronder nader komt te blyken; teweeten Het restant volgens het Cassa boek emporteerende onder ult=o augus„ „ tus Ao 1762. . . pa/o 25420. 21. 68. Dog waar voor Crucicis bij het negotie boek voor niet meer dan het geen ontfangen hadde gecredi„ teerd wat met pr ƒ. 14 231. 1. 50. overzulx bleef nog voor Loomans verantwoording, 1110r: 2. 1 25420. 23. 60 25 Dus het Negotie met het cassa boek accor„ deerende, uijtgenomen 't gering verschil van. . p/ —. 2: 40. dat r de k 3 ar en ie
English
continuation that is believed to have arisen from the reduction of the small fractions of fanums and cash in the provisions made, both to the vessels not belonging at this government, and especially to the troops recruited here for Ceilon in the said period, and which provisions sometimes having been charged no earlier than 2 to 3 months after date could indeed have been calculated somewhat too high or too low; from what and how the aforesaid difference on the debit of Looman has arisen, shall appear from the following demonstration; as According to the cash book, the said Looman on the last of May 1762 was accountable for an amount of pa/o 32307. 7. 30. Brought forward. . . . pa/o 32307. 7. 30. continuation but of which was transferred directly to Crucius for that which he took over from the executors of Looman. . . . pa/o 15555. 22. 20. As also for the received lease monies by the same for which Looman was already debited - - - 5561. 11. —. Together for which Looman has been discharged 21117. 3. 20. consequently there still remained to the debit of Looman. . pa/o 11189. 22. 10. Carried forward fl. 32307. 7. 30. further continuation In like manner is it also situated with the difference of 1762/3. The balance of the cash amounted in that year to pa/o 43425. 5. 50. but the trade book mentions only 27272. 14. 70. Giving therefore a difference of pa/o 16152. 14. 60. whereof the following demonstration serves for clarification. The balance of the cash book, according to the trade books as aforesaid amounts only to pa/o 27272. 4. 70. add thereto the debit of Looman that ran separately on the trade books. 12500. 10. 30. Together pa/o 39773. 9. 20. which having been deducted from the amount of the balance of the cash book Brought forward - . pa/o 39773. 9. 20. further continuation being 43425. 5. 50. thus still missing. . . . pa/o 3651. 20. 30. or the amount that was paid here pursuant to your High Noblenesses' order of 31 May 1763 to the orphan masters of this city and brought to account on debit by invoice to Batavia with. . . . . . . . . pa/o 3650. –. –. or rds 7500. - but the cash was first discharged for it in the following year. Add furthermore thereto the under-written off on the dispatched linens to Jaffnapatnam and that supplied to the chaloup de Walvisch. 1. 13. 48: 3651. 13. 48. Giving still only a difference of - pa/o —. 6. 62. which also, as mentioned herebefore, has arisen from the reduction of the fractions of fanums and cash. But whereby, as well as regarding the aforesaid differences having resided between the cash and the trade book, the Honorable Company has not suffered the least disadvantage. Regarding the ordered statement where those who shall participate in the douceur or means of subsistence graciously granted by the Lords Principals upon the sale of linens in Europe wish to receive their share, has only partially taken place, thus still missing from some of the subordinate factories, but however in order not to let the one, through the negligence of the other, be frustrated of the favor shown to them, we have the honor to submit to your High Noblenesses with all respect on this occasion the representations already made, and consequently request the following to be allowed to receive their share in India, as the undersigned governor, the head administrator here Henricus Leembruggen, the executors in the estate of the Sadraspatnam resident Jacobus Leonardus Topander who died in May 1767, the resident and secunde of Palicol Dirk Vrijmoet and Mr. Jacob Pieter De Neijs, as also the residents of Bimilipatnam Jasper Theodorus Pfeilser and Isaac Brouwer; on the other hand, the Jaggenaikpoeram resident Pieter Baars and Johannes Dumor and the Sadraspatnam secunde Joan Daniel Simons request that their share be delivered in Europe; while we shall have the honor to submit also the petitions of the aforesaid missing servants by the next opportunity to your High Noblenesses, and meanwhile also noting hereby for your High Noblenesses' honored speculation that both the Palicol secunde Johannes Camper who died insolvent in the autumn of 1767, whose estate has therefore after deduction of what the Honorable Company had to have gone to the sequestrator, and the Bimilipatnam secunde Jan Visscher who passed away in the following year or in November 1768, if it please your High Noblenesses or your High Noblenesses find it good, shall also have to share in the aforesaid douceur. In our latest respectful letters via Ceijlon we had the honor to inform your High Noblenesses concerning the contracting of the new farming out at Jaggernaikpoeram, the appearance that there was regarding the withdrawal of the price increase recently granted on the white linens; the same has since, according to the writing of the residents of 26 December past, also fully answered to the expectation one had of it, although not without prior heavy complaints of the merchants both about that and about the smallness of the demand for the fine guinea cloth which had fallen to their share. Then
Dutch transcription
volg dat vermeend word ontstaan tewesen uijt de reductie van de kleene gedeeltens van fanums en Casjes bij de gedaane verstreckingen, soo aan de vaartuij„ gen ten deesen gouvernemente niet te huijs hoorende, als insonderheid aan de in gem: teid alhier aangewor„ vene Troupen voor Ceilon, en welke verstreckingen som Leids niet eerder dan 2. â 3: maanden na dato aange„ reekend zijnde wel iets teveel of te wijnig bereekend konde zijn; waar uijt en hoedanig voorsz: verschil ten Laste van Looman voortge„ sprooten is, zal uijt de ondervolgende demonstratie blijken; als Volgens het cassa boek is gedagte Looman onder ult=o Meij 1762: verand„ woordelijk geweest voor een bedragen p /o 32307. 7. 30. van Transporteere. . . . p/o 32307. 7. 30.. 3 3 9 445 8rvolg dog waar van direct op Crucuis overgeschreeven is voor 't geen hij van de Executeurs van Looman heeft overgenoo„ men. . . . pa/o 15555: 22: 20. Zo meede voor de ontfange„ ne pagthen„ ningen door denselven waar voor Looman reeds belast was - - - „ 5561. 11. —. Tesamen daar Loo„ man voor ontleft is oversulx bleet nog ten Laste van Looman. . p so 11189. 22: 10. ..r:os 217: 9: 20. P=r Transport. fl. 32307. 7. 30. In n ens gend dagen 7. 30 7. 30½ . - nader vervolg Jngelijker voegen is het ook geleegen met het different van 176 21/3. het ves„ tant van de cassa bedroeg in dat plo 43425. 5. 50. Jaar dog het Negotie boek meld maar van Geevende overzulx een ver„ schil van p so 16152: 14:68 waar van de ondervolgende Demon„ stratie tot opheldering diend Het restant van het cassa boek, vol„ gens de Negotie boeken gelijk voorsegd pr/o 27272: 4. 70 importeerd maar voege daarbij het debet van Looman dat appart bij de Negotie boeken Leep. „ 1250. 10. 38 p a/o 39773. 9. 20 Tesamen dewelke van het bedragen van het restant van het casso boek gedetraheerd— zynde Transporteere - . p/o 39773. 9. 20. „ 27272:14:78 nog 1 446 nog nader vervolen 9.28. zynde „ 43425. 5. 50. ontbreekende dus nog. . . . prs/o 3651. 20. 30. off het bedragen dat alhier ingevolge uw hoog Edelens ordre van den 31' Meij 1763. aan weesmeesteren deeser steede is betaald en batavia bij factuur van aan reecq: ten Las„ te gebragte met. . . . . . . . . p.r/o 3650. –. –. of rd=s 7500. - dog de Cas daar voor eerst in 't volgende Jaar is ontheft geworden. voege daar nog bij het temin afgeschreevene op de verzon„ Transporteere ƒ 3650. — . - prs/o 3651. 20. 30. P=r Transport R ƒo 39773. 9. 20. en 5. 50. 14:70 60 vol„ . 18. 30. 9. 20. dene - met douceur ontf: wil, is nog maar gedeeltelijk ingekomen dens lijwaten na Jaffana p=m en't verstrek te aan de Chialoup de walvisch. „ 1. 13. 48: 3651. 13. 48: Geevende nog maar een disfe„ - plo —. 6. 62. rent van die almeede gelijk hier vooren gemeld, ontstaan is uijt de reductie der gebro„ kens van fanums en Casjes. Dog waarbij zoomin als omtrend de voorsz: tusschen het Cassa en het Negotie boek geresideerd hebbende diferentien dE: Comp=e geen het minste nadeel geleeden heeft. — 't brugt waar een de sijn aander Belangende de geordonneerde opgave, waarde geene die in het dou„ ceur of middel van bestaan door de heeren principaalen op den ver„ P=r Transport . . prs:o 3650:—: — pa/o 3651. 20. 30. koop „ w ver 13 versoeken te ontfangen koop der Lijwaaten in Europa gratieuselijk toegevoegt partici„ peeren zullen, hun aandeel ontfan„ gen willen, is nog maar voor een gedeelte geschied, komende dus van eenige der onderhoorige factorijen nog te manqueeren, dog om egter de eene door de nalatigheijd van de andere van het faveur dat hun beweesen is; met gebrustreerd te Laaten, hebben wij de eere uw„ hoog Edelens bij deese geleegent„ heijt de reeds gedane instantien in alle eerbied voorttedragen, en welke persoonen 't selve in Jndia mits dien; versoeken de volgende haar aandeel in India te mogen ontfangen, als den ondergeteekende gouverneur den hoofd-administra„ teur alhier Henricus Leembrug„ gen 4 30. 48 eerde 447 en welke daar en teegens weder in Europa gen, de Executeurs in den boedel van 't in Meij 1767. overleedene sa„ draspatnams opperhoofd Jacobus Leonardus Topander, Het opper„ hoofd en secunde van Palicol Dirk Vrijmoet en M=r Jacob Pieter De Neijs, zoo ook de opperhoofden van Bimilip=m Jasper Theodorus Pfeikser en Isaac Brouwer, daar en teegen insteeren dat haar aandere in Europa afgegeeve werde de Jaggernaijk p=te opperhoofd Pieter Baars en Iohannes Dumor en den Sadraspatnamse Secun„ de Ioan Daniel Simons; terwijl de supplicatien van de voorsz: ontbreekende bediendens de Eere zulle hebben uw hoog Ede„ v lens mol 17 13 de ovrleeden secundens camper en visscher sullen meede daar in moeten participeeren. lens perde volgende geleegentheid meede optegeeven, en intusschen bij deesen ook tot hoogst derselver g'Eerde speculatie noteerende, dat zoo wel den in het najaar van 1767. in we solvent overleedene halicols secunde Iohannes Cam„ per wiens boedel dierhalven naar aftrek van het geen d'E: Comp=se heeft moeten hebben aan den sequester gekomen is, dan in het volgende Jaar of in Novem„ ber 1768. aflijvig gewordene bi„ milipatnams tweede Ian visscher met uw hoog Edelens believen of hoogst deselve zulx goedvindende meede in 't voor„ meld douceur zullen moeten deelen. —. Bij is te Jagg: ingetrocken dog met sonder heevige klagten der Coopl: daar over van fijs guin=t in vergelijk van bimilit=m. de Jongt hoegestane smijt( regigj Bij onse Jongste Eerbiedige Letteren over Ceijlon hadden wij de Eere uwhoog Edelens omtrend de Contractatie van de nieuwe aanbesteeding te Jaggernaijk p=m te bedeelen, de apparentie die 'er was nopens de intrecking van de Jongst toegevoegde prijs ver„ hooging op de witte Lijwaaten; deselve heeft 't zeedert na het schrijvens der opperhoofden van „ xber: den 26„' p=o ook ten vollen b'ant„ woord aan de verwagting die men 'er van hadde, hoewel niets sonder voor afgegaane heerige doleantien der Cooplieden zoo daar over, als over de geringheid en over de geringhed van den ets van den Eijsch van het fijn qui„ neel, welke haar was te beurt gevallen. dan
English
In our latest respectful letters via Ceylon, we had the honor to inform Your High Excellencies regarding the contract negotiations for the new tender at Jaggernaijkpatnam, concerning the likelihood of revoking the recently added price increase on the white linens. Since then, following the dispatch of the chiefs of the 26th ultimo, this has entirely met the expectations held regarding it, although not without prior vehement grievances from the merchants, both concerning that matter and concerning the small quantity demanded of the fine guinee, which had fallen to their share in comparison to the two other northern factories, particularly Bimilipatnam, which had the procurement of 100 bales of that assortment, whereas Jaggernaijkpatnam was assigned no more than a very small number of 38 packs. This was all the more so because, since that commodity does not fall within the district of Bimilipatnam, the merchants of the latter factory had to procure it in the lands where it was collected for Jaggernaijkpatnam and Palicol and haul it to Bimilipatnam. For that reason, the officers simultaneously made a proposal, in order not to render their merchants intractable by the aforesaid price reduction as well as the accompanying small demand for the cloths, to take the above-mentioned two quantities, making together 138 bales, and divide them in two, thus letting each factory collect 69 packs. However, this was rejected by us, because the demand for it in general was not only not large, but also because that which was assigned to the other factories was specifically required from there, and furthermore we have made them understand that regarding the merchants whose debts are significant, somewhat greater considerations regarding the reduction of their arrears had to be employed than with respect to traders whose condition was not so precarious. Likewise, in the same manner, we have not been able to condescend to the chiefs' proposal made in this regard to grant a 10 per cent increase for a single year as a trial on the checked Indian variety of roomaals requested for Europe, in order thereby to bring about the complete fulfillment of all that was demanded for the Netherlands, because the Masulipatnam merchants, notwithstanding the most forceful encouragements, could never, or at least for some years, be brought to the full delivery of that assortment, on account of the small profit that the commodity brought them. Although, to persuade us thereto, there was brought into consideration not only the importance of that assortment for Europe with respect to the advances which it yielded, but also the higher prices that were spent upon it at the factory of Palliacatta, this latter can serve as no precedent, because the Palliacatta traders must have their goods fetched out of the bay by freight vessels, whereas those of Jaggernaijkpoeram were conveyed by the Company's thonys and thus freight-free. Therefore, orders have been sent thither that in case the said Masulipatnam merchants are so difficult regarding the delivery of that article, and will not consider the greater profits which were enjoyed by them on the other assortments, to look out for another way to obtain those cloths for the ordinary price, since we believe that when the traders notice that it is serious about curtailing their deliveries, they will possibly come to terms. The merchants of Portonovo, whom we expected upon the departure of our aforementioned respectful writing via Ceylon, having appeared here a few days thereafter, the contracts were immediately concluded with them for the 109 bales demanded from that factory, and the full amount thereof, being pagodas 10740.-.- or f 48330.-.-, making pagodas 1790.-.- or f 8055.-.- for each share, was advanced, after there had first been counted into the cash box what the indebted merchants owed, both on account of the lower yield of the rejects sold at the Indian headquarters, as well as the agreed 4 per cent on the advance payment enjoyed by them in the previous year.
Dutch transcription
448 comptoiren te samen te neemen, en dan in tween te verdeelen gevallen, in vergelijking van de twee andere noorder factorijen in zonderheid bimilip=m dewelke de besorging van 100. bardeelen van dat sortement hadde, ter wijl Jaggernaijk p=m niet meer dan maar een zeer gering ge„ tal van 38. packen opgedragen was, en wel te meer om dat, dat goed niet in den omtreck van bimilip=m vallende, de Cooplieden van Laastgemelde factorij het selve in de Landen daar voor Jag„ gernaikp=m en Palicol wierd ingesameld procureuren en naar bimilip=m sleepen moesten, dier„ propositie der oppert: voor de bedehalven de bediendens teffens propositie doende, om haare Cooplieden door voorsz: prijs vermindering is te Jagg: ingetrocken dog niet sonder heevige klagten der Coopl: daar over van fje guin=t in vergelijk van bimilit=m de Jongs hoegelane mijt roging) Bij onse Jongste Eerbiedige Letteren over Ceijlon hadden wij de Eere uw hoog Edelens omtrend de Contractatie van de nieuwe aanbesteeding te Jaggernaijk p=m te bedeelen, de apparentie die 'er was nopens de intrecking van de Jongst toegevoegde prijs ver„ hooging op de witte Lijwaaten; deselve heeft 't zeedert na het schrijvens der opperhoofden van „ xber: den 26„' p=o ook ten vollen b'ant„ woord aan de verwagting die men 'er van hadde, hoewel niets sonder voor afgegaane heerige doleantien der Cooplieden zoo daar over, als over de geringheid en over de geringheid van den eiser van den Eijsch van het fijn qui„ neel, welke haar was te beurt gevallen. 51 448 comptoiren te samen te neemen, en dan in tween te verdeelen gevallen, in vergelijking van de twee andere noorder factorijen in zonderheid bimilip=m dewelke de besorging van 100. bardeelen van dat sortement hadde, ter„ wijl Jaggernaijk p=m niet meer dan maar een zeer gering ge„ tal van 38. packen opgedragen was, en wel te meer om dat, dat goed niet in den omtreck van bimilip=m vallende, de Cooplieden van Laastgemelde factorij het selve in de Landen daar voor Jag„ gernaikp=m en Palicol wierd ingesameld procureuren en naar bimilip=m sleepen moesten, dier„ propositie der oppert: voor den bedehalven de bediendens teffens propositie doende, om haare Cooplieden door voorsz: prijs vermindering ed dog 't welk vande hand gewee„ sen is, en waarom vermindering zoo wel, als daar bij gekomene Geringe petitie der kleeden niet onhandelbaar te ma„ ken, om de boven gemelde twee quan„ titeyten te saamen 138. bardeelen uijtmaakende, in tweerte verdee„ len, en dus ieder factorij 69. packen te laaten in samelen, dog het geen bij ons is afgeslagen, uyt hoofde den Eysch daar van in het generaal niet alleen niet groot geweest, maar ook het opgedragene op de andere factorijen van daar speciaal gere„ quireerd is, en boven dien haar hebben doen begrijpen, dat om„ trent den Cooplieden welkers schul„ den important zijn, eenige meer„ dere Consideratien met betrecking tot vermindering van derselver so agterstalle Jaar geruyt 19 Jaar 10. p:r C=o verhoging op de roemaals 449 agterstallen gebruykt moest wer„ den dan ten opsigte van handelaar met welkers staat het soo dange„ som ede heer vorslag om vor en eus niet gesteld was; Gelijk wij geruyjte Indeese zoort toetestaan in selver voegen niet hebben konnen in condescendeeren „ der opperhoofden ver„ deze gedaanen voorslag tot het geeven van 10. p. r Cento verhooging voor een enkelde Jaar ter preuve op de roemaals geruijte Jndiase zoort voor Europa gepetitioneerd, ten einde daar door de Compleete voldoening van al het g'eyjschte voor Nederland te weeg te brengen, de„ wijl de Mazulip=te cooplieden, ongeagt de aller kragtigste aan„ spooringen nimmer of ten minste 't zeedert eenige Jaaren tot de volle Leverantie van dat sorte„ ment 9 Halle vervolg ment niet hebben konnen wer„ den gebragt, om de wille van het gering voordeel dat haar dat goed toebragt, schoon om ons daar toe te beweegen, in Considera„ tie gebragt is, niet alleen de im„ portantie van dat sortement voor Europ ten opsigte van de advansen die deselve quamen optewerpen, maar ook de hoogere prijsen die daarop ten comptoir palliacatta wierden besteed, alsoo dit Laaste tot geen Exem„ pel kan strecken, om dat de palliacatse handelaars met vragt vaartuijgen hun goed uyt de bogt moeten laaten haalen, daardie van Iaggernaijk poeram door 'sComp. s thonijs dus vragt vrij wierde 6 selv te teeg 21 andere uijtweg ter bemagting der„ selve omtesien vermeend te portonooo synde contracten teegens de Jongste prijsen gesloten wierden overgebragt; dier halven gesonden last in wat cas na een heeft men na derwaards gelast, dat ingevalle genoemde Mazielispat„ namse Cooplieden omtrend de Le„ verantie van dat articul soo disi„ ciel zijn, en niet Considereeren willen de meerdere voordeelen welke bij haar op de andere sorte„ menten genooten werden, na een ander uijtweg om tesien ter bemag tiging van die kleeden voor de dog wat men egter daaromtrentordinaire prijs, dewijl wij vermij„ nen, dat wanneer de handelaars bemerken, dat het ernst is, haar in de Leverantie te besnoeijen, sij mogelijk wel aan de hand komen zullen. — De Cooplieden van Portonovo welke wij op het afgaan van voor„ meld 61 er d m„ na deet al vooren 't geen se debat gebleven waren in Cassa geteld meld ons Eerbiedig schrijvens over ceijlon te gemoet zagen, eenige dagen daarna alhier opgedaagd wesende, heeft men al ten eersten met deselve de Contracten gesloo„ ten van de van die factorij g'eischte 109. fardeelen, en het volle bedra„ gen derselve zijnde prlo 10740. -. - of ƒ 48330. —. –. of plo 1790. –. – ƒ8055. - - ieder aandeel uijtmakende en op vooruijt verstrekt, na alvoorens gecomt in cassa geteld was, het geene de debet zijnde Cooplieden soo weegens het minder rendement der ter Jndiase hoofdplaatse verkogte uijtschotten, als bedon„ gene 4. p r Cento op de voorjaari„ ge bij hun genootene vooruijtre„ voo g haar Strecking was. 450
English
23 of the 25 bales of ordinary guinees, 13 must be delivered at ordinary prices and on the remaining 12 the increase continued, and why 5 bales above the demand were accepted on their debit, in reduction of their old debit had remained in arrears, amounting together to Pagodas 1181. 15. 66., and this for the prices recently paid; as well as of the required 25 bales of ordinary bleached guinees, having had 13 bales delivered for the ordinary price of Pagodas 86. 12½ or ƒ 389. 7. -, and the remaining 12 on the strong insistence of those merchants, and out of consideration of their outstanding debts and the loss suffered on their aforementioned auctioned rejects, with the increase of 8 percent granted in the year 1768; furthermore, in reduction of Just as we, in order to reduce their debit as much as possible, have accepted above the demand of the past financial year and have caused their account to be credited for 5 bales of diverse linens, consisting of 2 bales of ordinary bleached guinees, 2 ditto dark blue guinees and 1 ditto dark blue baftas. On the separate demand of 400 bales of guinees at Jaggernaikpoeram, 116 bales are ready. Of the 400 bales of guinees contracted for separately at Palicol and Jaggernaikpoeram against the rejected Bimilipatnam demand, according to letters from the chiefs at the last-mentioned factory dated 26 December last, there are still 116 bales, namely 18 bales of fine bleached Palicol guinees, whereof 15 bales of First sort, 3 ditto of Second sort; 98 bales of ordinary bleached guinees, of these 16 bales from Jaggernaikpoeram, of which 10 bales of Second and 6 ditto of Third sort, 82 ditto from Palicol, whereof 20 bales of Second and 62 ditto of Third sort, lying in readiness; of which the chiefs stated it was impossible to mark out the best for Europe. Although the chiefs stated that compliance with Your Right Honourables reiterated order by letter of 14 July of last year, to mark out and pack the best thereof under the name of second sort for the Netherlands, was impossible, we have nevertheless further enjoined the execution of that same ordered measure, and in order that it should not contradict the already answered demands of the past season, which appears to be the difficulty that the chiefs put forward regarding the execution of that order, an order to send a further demonstration thereof, and for what reason. They have been instructed to draw up a further demonstration regarding this and send it hither, after which we may regulate ourselves in future, both regarding the dispatch of the bales reported as remaining and in making a comparison of the aforesaid past and the current season. Shortly after the dispatch of the letter via Ceylon, the papers concerning the arrears were received and a report was made thereon. Shortly after the dispatch of our submissive letters via Ceylon, cited several times herein, the papers relating to the merchants' arrears that had been missing from that dispatch having been delivered here, we were thereby enabled to have drawn up the general list or summary, which we also immediately tendered, with the further papers belonging thereto, alongside our humble letter of 14 January last, to the Right Honourable Lords Principals in the Fatherland; the tender of the papers belonging thereto, together with the copy of our aforesaid letters, we have the honour to present to Your Right Honourables with great respect, and we reverently refer thereto, regarding the debts reduced in the recently closed financial year, in general to an amount of ƒ 85154. 19. - or Pagodas 18923. 7. 50 21/3, after deduction of the incidental increase at Palicol to the amount of ƒ 82382. 9. 8 or Pagodas 10307. 5. 16. From which copy letter, as well as our resolution taken on that account on 31 December last accompanying this in extract, Your Right Honourables may be pleased to observe not only the real reasons for that increase, but also the stock of linens that was held against it, to an important amount of Pagodas 14843. 4¼ or ƒ 66794. 6. -; thus, the same being deducted from the debit of the merchants, the collective merchants to the number of 13 individuals, a private supplier, and the washers in partnership, remain indebted for no more than Pagodas 6838. 4. 5/87 or ƒ 30771. 17. 8. So that the matter is not as desperate as it appeared at first glance, though it is nevertheless condemnable, yet we cannot deny that the conduct of the chiefs in the late disbursement of cash upon the delivery of linens is in all respects condemnable; regarding which, having been most severely reproached, all the detrimental consequences arising therefrom have been left to their account, while
Dutch transcription
23 vande 25. pack: gun:s gem: moete 13. ditos teegens de ord: prijsen ge„ leverd werden en op de overige 12 d=os deverhoging ngecontinueerd. en waarom haar debet 5. pack: boven den eisch g'accepteerd. strecking, in mindering van hun ouden debet ten agteren geblee„ ven waren, te samen belopende p a/o 1181. 15. 66. en zuls voor de prij„ sen Jongst betaald; mitsgaders vande gevorderde 25. packen qui„ nees gemeen gebleekt 13. fardee„ len voor de ordinaire prijs van p=lo 86: 12½ ƒ 389: 7. -. en de overige 12. op den sterken aandrang dier handelaars, en uijt Considera„ tie van hunne nog hebbende schul„ den en geleeden verlies op derselver voormelde gevenduceerde uytschot„ ten met de in anno 1768. gecon„ cedeerde verhooging van 8. per„ cento hebben laaten Leeveren; voorts heeft men in mindering van Gelijk wij ook om soo veel moge„ lijk haar debet te verminde„ ren over ce . op de aparte eysch van doo: pach: gun. t te Jagg: nog 116. packen gereed ren, boven den Eysch van het afge„ loopen boekjaar g'accepteerd en derselver reekening hebben doen Crediteeren voor 5. packen diverse Lijwaaten, bestaande in 2. packen guinees gemeen gebleekt, 2. ditos guinees bruijn blaauw en 1. dito baf„ tas bruyn blaauw. Van de bewuste te Palicol en Jaggernaikp=m op de afgewezene bimilipatnamsen Eijsch appart aanbesteede 400. packen guinee, sen, volgens schrijvens der opper„ hoofden ter Laastgemelde factorij de dato 26. ' december J=o Leeden, nog 116. fardeelen teweeten 18. packen guinees fijn gebleekte palicols; daar van 15. pack: Eerste zoort 3. _o Tweede _o 98. p„ken waa steld ken do9 daar gt 2 stelden, de biste voor Eiurope uijtte„ kenen. daar toe 98. p s guinees gem: gebleekt van deese 16. pack: van Jaggernaik poeram van dewelke 10. pack: Tweede en _o. Derde Zoort 82 _. o van Palicol; hier van 20. pack: Tweede en 62. _o Derde zoort in geredheid leggende, hebben wij waar van opperh: onmogelyk schoon de opperhoofden de nako„ ming van uw hoog Edelens gere„ nereerde ordre bij missive van den 14:' Julij anno passado, om het beste daar van onder de naam van tweede zoort voor Ne„ derland uijtteteekenen en te embaleeren voor onmogelijk stel„ den, egter de executie derselve dog gestelde ordre nogthans nader aan bevoolen, en op dat niet contradiceeren zoude met de reeds 451 4 144 - last daar van een nadere demon„ stratie te senden en om wat reeden cielon heft mende pasieren welgens de agterstallen enlangt. ƒ reeds beantwoorde Eysschen van de afgeloopene Jnsaam het geen de swarigheid schijnd te weesen welke de opperhoofden stellen in de executie dier ordre, zijn sij gelast geworden, een nadere De„ monstratie dien aangaande te formeeren en dit heen te zen„ den, waarna wij ons in het ver„ volg reguleeren kunnen, soo om„ trend de verzending der als over„ geblevene bekend gestelde packen als te doene vergelijking van voorsz: afgeloopene en den Loo„ penden Jnsaam. — kort nat afgaan vande brief over Kort na de afzending onser meer„ maals in desen geciteerde sub„ misse Letteren over Ceilon al„ hier besteld zijnde de op die Leid ontbooken n rela 21 en daarvan na hiro op a verslag gedaan. relatief ontbroken hebbende papieren die tot de agterstallen der Coop„ lieden betrecking hadden, wier„ den wij daar door in staat ge„ steld te kunnen laaten formee„ ren, de generaalen lijst of te sa„ mentrecking, dewelke ook ten eersten met de verdere daartoe gehoorende papieren, neevens ons humbel schrijvens van den 14: Januarij J=o Leeden aan de Edele hoog Agtbaare heeren Princi„ paalen in het vaederland heb„ ben aangebooden, waar van de aanbod van de papieren daar toe weder gadens nevens het afschrift van voorm: onse Letteren, wij de Eere hebben uw hoog Edelens met veel Eerbied aan tebieden, en ons daaraan reverentelijk refereeren. verminderd zyn te palicol 452 hoevel u't generaal deselve refereeren, ten belange van de verminderde schulden in het Jongst afgelegde boekJaar in het generaal tot een montant van ƒ85154. 19. —. pa/o 18923. 7. 50. 21/3 na aftrek van de toevallige ver„ meerdering te Palicol ten be„ drage van ƒ82382. 9. 8 p.s 10307. 516. redenen vande vermeerdering uijt welke Copia missive zoo wel, als onse dierweegens gevallene resolutie van den 31=e Decem=r Jongstleeden desen in Extract verzellende, uw hoog Edelens gelieven te beschouwen de wezend„ lijke reedenen van die vermeerde„ ring niet alleen, maar ook den voorraad van Lijwaaten die daar en tegen geweest is tot een impor„ tan=t montant van pa/o 14843. 4¼. ƒ 66794. 6. — 8 m wel do is en 9 29 met gesteld als het zig in't eerst wel vertoonde is egter condemnabel haar reecq: gelaten ƒ66794. 6. — „ dus het selve van het debet der handelaars gedetraheerd zijnde, de gesamentlijke Cooplieden ten getalle van 13. stuks, een par„ ticulier Leverancier en de wassers „ in geselschap, dan niet meer schul„ =o dig blijven dan maar prlo 6838. 4. 5/87„ dog 't is daarmeede soo desseraat ƒ 30771. 17. 8. , in voegen het daar„ meede soo disperaat niet gesteld is als wel met den eersten opslag zig vertoonde, hoewel wij niet ontken„ dog de behandeling der oppert: nen kunnen, dat de behandeling der opperhoofden door de Laate ver„a„ strecking van Contanten op Leveran„ tie van Lijwaaten, in allendeele condemnabel is, waarover dan en't madel daar uit is vor ook ten ernstigsten gereprocheerd :d wezende, alle de nadeelige gevolgen daaruijt voortspruijtende, voor haare reekening is gelaaten, terwijl
English
which the merchants through endless advances remain indebted, and has established a circular order to cause the chiefs to deposit the funds, while this imprudent conduct has at the same time given us occasion to take the necessary precautions for the future, and therefore, following the resolution taken at our session of the 23rd of January last, we established by circular letter of the 4th of February thereafter, that whenever it should be found that by the advances made to the merchants the chiefs had reached too deeply into the Company's purse, or that these were made untimely or lightly, they must immediately deposit the amount or value thereof into the Company's treasury, or secure their Honours with sufficient guarantors against all the debts being entirely liquidated by the last of August. Has been obstructed here and by what means. The disadvantage that such inconsiderate conduct can bring in its wake; while the aforementioned chiefs of Palicol were moreover ordered to ensure that the debts of their merchants were diminished by the last of February recently past, and entirely liquidated by the last of August next coming. The sale of Japanese bar copper. The sale of Japanese bar copper having been obstructed here at the main settlement by the importation of Swedish copper coin plates, of which we have already made mention in our letter of the 29th of September of the past year, dispatched per Noordbeveland, in such a manner that in the past financial year no more was disposed of than a very small quantity of 36970 lb, in contrast to the sale of previous years, which usually amounted to between 60 and 80 thousand pounds. Why means were sought to check this. This moved the undersigned governor to look for means to check that further obstruction which undoubtedly was to follow and increase with further imports of the aforementioned Swedish copper, the more so because it was made known that the export from Sweden had been permitted, so that one could expect nothing else than a total standstill in the sale of Company copper, as long as the native could be accommodated with the aforementioned foreign copper owing to its cheapness, not to mention the ease with which traders and others could come to terms with the importers of the aforementioned Swedish copper, both regarding the specie itself, in case of cash payment, and in bartering that mineral for other goods and merchandise to serve as returns for those arriving merchants. Continuation. Treated of at large in our Resolution of the 31st of December of the year recently past, on the occasion when the feared standstill of the Company's trade in that article was brought into deliberation, to which we, as the extract thereof accompanies this, refer with all respect, in order to avoid burdening your Right Honours' attention with repetitions. And so, passing over to the matter itself, to bring to your Right Honours' knowledge the contract concluded with the Company's merchant here, Tiermenij Chittij, and his associate Waitinada Chittij, for the term of three years, concerning 2 merchants for 3 years and 200 bahars per year, a head total of 200 bahars or 96000 pounds of bar copper per year, or 600 bahars for 3 years, at 100 new Nagapatnam pagodas the bahar of 480 pounds, or the fixed price of old pagodas 92. 14. 18, or f 416. 13. 8. And under what restrictions. f 416. 13. 8, for which that mineral has hitherto been disposed of, amounting annually to 20000 new Nagapatnam pagodas, to be paid in two terms, to wit, one half or 10000 new Nagapatnam pagodas to be paid here by mid-October before the last of August, and the other half by the last of February following to be paid at Colombo in silver coin for the account of this government, with such further restrictions and stipulations, not only regarding the sale and transport of that mineral, but also with respect to prompt payment and provided security to preserve the Company from loss, as was stipulated in our aforementioned resolution and the contract resulting therefrom, subject to your Right Honours' revered approval, and at the same time it was agreed that this contract would not take effect in case it should not please your Right Honours to approve the same. And had to participate in the compensation imposed in the year 1764. On the occasion that the assessment of the lower yield of the 166 packs of diverse cloths sold at public auction in Batavia in the year 1764, because they had been collected and dispatched contrary to the requisition, was in the year 1765, or at the beginning of the administration of the undersigned governor, pursuant to our resolution of the 22nd of May of the aforementioned year, charged to the merchants on whose account
Dutch transcription
't geen de coopl: door oneijndige ver„ hoofden te doen namptiteeren terwijl deese onbesonne handel„ gestatueerde circulaire ordre, om wijse ons teffens aanleiding gege„ streckingen detel blijven, dordersen, en heeft, de nodige voor sorge voor het vervolg te gebruijken, en daarom na het geresolveerde ter onser zitting van den 23. ' Januarij Laastleeden bij circulair schrijvens van den 4: februarij daar aan gestatueerd heb„ ben dat wanneer ondervonden mog„ te werden, met de gedane vooruyt„ verstrecking aan de Cooplieden door de opperhoovden te diep in Haar Edele beurse getast, of ontijdige, dan wel Ligtvaardig gedaan te wezen, het bedragen derselve of de waarde van dien door haar ten eersten in 'sComp=s Cassa te doen namptisee„ ren, dan wel door suffisante bor„ gen haar Edele dekken voor al het sch gelig en 4 de 31 „schulden onder ult=o aug=s geheel geliquideerd geraken.. 453 is hier gestremt geweest en waardoor. het nadeel dat diergelijke onbe„ dagte handeling na sig sleepen en na palicol te besorgen omde kan; terwijl de voorsz: opperhoof„ den van Palicol daarneevens gelast zijn, te zorgen dat de schul„ ƒ den hunner Cooplieden onder ult=o Februarij Jongst gepasseerd gedi„ minueerd, en onder ultimo aug. naast komende ten vollen geliqui„ deerd werden. — de verkoop van Japens Staafkossen Den verkoop van het staatko„ per Japans door den aanvoer van Sweeds koopere munt plaa„ ten, waar van wij reeds mentie hebben gemaakt bij onsen brief van den 29. ' September des gepas„ „seerden Jaars, per Noordbeveland afgegaan, hier ter hoofdplaatse in diervoegen gestremd gewor„ den „ tting 4: omgesien heeft om zulx te stuy„ ten den zijnde, dat in het vergangen boekjaar niet meer van de hand gezet is, dan een seer gering quan„ titeijt van 36970. lb: in teegenstel„ ling van den verkoop van voorige. Jaaren, dewelke gemeenlijk tus„ sen de 60. en 80. duijzend ponden bedragen heeft, dit bewoogden waarom, men na middelen den ondergeteekende gouverneur na middelen om te zien tot stuij„ ting dier verdere stremming die ongetwijffeld stond, te volgen en toeteneemen bij verderen aan„ voer van het voorm: Sweeds koper te meer men divulgeerde dat den uijt voer uijt sweeden gepermitteerd was geworden over zulx men daar uijt niet anders te gemoet zag dan een totalen stilstand van den verkoop ver 4 23 33 vervolg 454 verkoop van Comp=s Koper, soo Lange den Jnlander mits de goed koopheid van het voornoemd vreemd koper daar meede geriefd konde werden, ongeree„ kend nog de gemackelijkheid, waar„ meede de handelaars en andere bij de aanvoerders van het voorsz: Sweeds kooper, soo omtrend de muntspecie zelve, ingeval van Contante belaa„ ling, als trouquering van dat mine„ raal met andere wharen en coop, mansz: om te kunnen dienen tot rethour voor die aan komende trapi„ quanten, te regt konde raaken, in het breede bij onse Resolutie van den 31. ' December des Jongst ge„ passeerden Jaars verhandeld, ter gelegendheid dat de gevreesde stil„ stand van 'sComp=s handel in dat articul en 2 2: Coopb: voor 3. Jaaren en 200 bhaaren s Jaars, articul in de liberatie gebragt is waaraan wij, als het Extract daar van deesen verzellende, dus om te eviteeren dat uw hoog Edelen attentie met geen rediten vermoey lijkt werde, met alle Eerbied referee ren, en alsoo tot de saake selfs over gaande uw hoog Edelens ter kennis„ gesloten Contract diend.s miet te brengen, het geslootene Contract met 'scomp=s Coopman alhier Tier menij Chittij en sijn geassocreer den waitinada Chittij voorden teid van drie Jaaren, weegens hoofd op tijd van 200. bhaaren of 96000 ponden staat koper sjaars of 600. bharen voor 3. Jaaren teegens 100. nieuwe Nagapatnamse pagooden de bhaar van 480. ponden of de gefi„ „ceerde prijs van oude pra/o 92. 14. 18. ƒ 416. 13. 8. 2 7 en item ling 25 3 en met welke restrictien ling ƒ416. 13. 8. , waar voor dat minevaal tot als nog van de hand is gezet ge„ worden, uytmakende sjaars 20000. nieuwe Nagapatnamse pagoo„ om intwee terwijn te betalen den om in twee termijnen, teweeten de eene helft of 10000: nieuwe Na„ gapatnamse pagooden onder me„ dio october voor ult=o aug=s alhier te betaalen, en de andere helft on„ der ult=o febr: daar aan volgende tot Colombo in silvere munt voor reekening van dit gouvernement afteleggen, met soodanige wijdere restrictien en bepalingen, niet al„ leen omtrend den verkoop en vervoer item secunteijt voorde bete van dat mineraal, maar ook ten opzigte vande prompte betaling en besorgde securiteit om de Comp: voor schade te bevrijden, als bij onse voormelde 19 455 ende nev.s gem: in A:o 1764 op ge„ legde vergoeding heeft appeng moe„ ten participeeren. voormelde resolutie en het daar uijt voortgevloeid contract op uw hoog Ed. s gevenereerd approbatie bedongen is, en teffens overeen gekomen zyn, dat deese Contractatie geen stand grijpen zoude ingevalle uw hoog Edelens niet behagen mogte, deselve goed te„ keuren. — Bij gelegendheid dat de belasting van 't minder rendement der op ba„ tavia in den Jaare 1764. per vendutie verkogte 166. packen diverse Lijwaa„ ten, uyt hoofde deselve teegens den Eijsch waren ingesameld en verson„ den, in den Jaare 1765. of met den aanvang van het bestier van den ondergeteekende gouverneur, ingevol„ ge ons besluijt van den 22.:' Meij des evengem: Jaars, de cooplieden, op wiens. dogn mogen
English
19 24 3 37 to whose account the same had been charged, was again discharged, and the payment thereof was imposed upon the governor and members who composed the Council at the time of the dispatch of the aforementioned cloths, among others the under-merchant Jan Appengh as a member having had to participate therein for a sum of pagodas 51. 3. 30 or f 2480. 2. 10, but which since, according to a subsequent arrangement, was reduced to f 835. 9. —, in accordance with our Resolution of 12 June 1766, in compliance with Your Excellencies' respected order by letter of 14 March of the said year. The said Appengh, according to what was recorded in our resolution of 24 July 1765, has not only testified to his inability to raise that amount, but also maintained that, whereas Your Excellencies were pleased to disapprove his introduction in the year 1763 as a member of the Council of Policy, and on that account he had repaid the salary enjoyed since he held that seat, as appears from Your Excellencies' respected letter of 14 June 1764 and the resolution adopted here on 31 August of the said year, he ought therefore to be freed from the payment of the said assessment; as was also decided for that reason in the aforementioned resolution of 24 July 1765, to represent to Your Excellencies the grievances submitted by him regarding this matter and his request arising therefrom. But owing to the change in the secretariat here that occurred shortly thereafter, and the successive extraordinary affairs caused by the troubled state of affairs here, the representation thereof, both in the letter of 19 August of the said year dispatched via the Vrouwe Petronella Maria, and the dispatches via Ceylon, was inadvertently overlooked, so that the said Appengh still remains debited in the books here for the aforementioned sum of f 835. 9. —. We therefore request to be furnished with Your Excellencies' most honored order regarding this matter, whether that amount must still be paid by Appengh, or whether the amount of that assessment may be written off for the alleged reasons, since it must otherwise likewise be distributed for settlement among the governor and the other members of that time. The general and trade ledgers of this government for the year 1769/70 having been prepared, we take the liberty of sending them via Ceylon, as well as a set of pay books of the said financial year, since we trust that an opportunity will present itself there to forward them earlier than by the ordinary ships of this Coast, since in the latter case this will not be able to happen before August next. While we let follow below a brief demonstration to show that the net profits and revenues, after deduction of the charges, amounted to f 283035. 14. 8 or pagodas 62896. 19. 69 1/3, and thus f 67999. 9. 5 or pagodas 15108. 23. 65 1/3 more than the financial year 1768/9, namely: Ultimo August 1769 Profits At Nagapatnam f 130501. 18. 8 At Geldria 29073. 8. 8 At Sadraspatnam f 68712. 19. 5 At Jaggernaikpatnam 370116. 12. 13 At Bimilipatnam f 66499. 5. — At Palicol f 2456. 5. — Total f 667360. 9. 1 From which subtract the loss at Porto Novo f 3381. 12. 12, remains f 663978. 16. 5. Revenues At Nagapatnam f 56120. 2. 8 At Geldria f 6093. 9. 1 At Sadraspatnam f —. —. — At Porto Novo f —. —. — At Jaggernaikpatnam f 4973. 18. 10 At Palicol f 8925. 10. 8 Total f 76113. —. 11 From which subtract the deficit incurred at Sadraspatnam f 739. 2. 2, remains f 75373. 18. 9. The profits and revenues f 739352. 15. 14. Carried forward. Ultimo August 1770 Profits At Nagapatnam f 115470. 19. — At Geldria f 21518. 8. 1 At Sadraspatnam f 104044. —. 11 At Jaggernaikpatnam f 340116. 3. — At Bimilipatnam f 97557. 15. — At Palicol f 134. —. — Total f 679641. 5. 12 From which subtract the loss at Porto Novo f 841. 2. 6, remains f 678800. 3. 6. Revenues At Nagapatnam f 60870. 10. — At Geldria f 6012. 11. 12 At Sadraspatnam f —. —. — At Porto Novo f —. —. — At Jaggernaikpatnam f 4946. 13. 8 At Palicol f 8925. 10. 10 Total f 79795. 14. 12 From which subtract the deficit incurred at Sadraspatnam f 101. 9. 8, remains f 79684. 5. 4. The profits and revenues f 758484. 8. 10.
Dutch transcription
19 24 3 37 dog daar toe niet alleen zyn onser„ mogen betuijgd wiens reekening dezelve gesteld was, weder ontheft, en de voldoening derselve den gouverneur en Leeden die ten teide der verzending van voorsz: kleeden den Raad gecom„ poneerd hebben, g'imponeerd is, on„ der anderen den ondercoopman Jan Appengh als Lid meede daar„ in voor een Somma van p /o 51. 3. 30. of ƒ 2480. 2. 10. hebbende moeten participeeren, dog dewelke zeederd volgens een nader gemaakte schic„ king tot ƒ 835:9. —. verminderd is, conform onse Resolutie van de 12. ' Junij 1766. in opvolging van uw hoog Edelens gerespecteerd bevel bij missive van den 14:' Maart des gemelden Jaars, heeft gedagte Ap„ pengh na het aangeteekende ter ƒ Ed Ed. s Eds te„ van ontheft moeste werden en waa„ zulx haar hoog Ed=s voortte dragen ter onser resolutie van den 24:' Julij 1765. niet alleen desselfs onvermogen tot het opbrengen van dat montant maar ook gesustineerd dat da betuygd, maar ook gesustineerd, dat vermits uw hoog Edelens sijne intro„ ductie in den Jaare 1763. als Lid in raade van politie hebben gelieven te improbeeren, en uijt dien hoofde de genotene gagie 't zeederd dat Lit„ ting heeft gehad, weder uytgekeerd hadde blijkens gevenereerde missive. van uw hoog Edelens van den 14:' Junij 1764. en genomene resolutie alhier van den 31. ' aug=s des gemelden Jaars, soo dat dierhalven van de betaling der gemel„ de boeke de belasting gelibereerd te moeten genomen besluijt daarop om zijn, gelijk ter voorsz: resolutie van den 24. ' Julij 1765, om die reeden dien ook beslooten is, de door hem „ aan„ gaande rom. 456 1 ub mi 39 gesien is, en waardoor de boeken beleest blijft me daarmeede te handelen gaande ingebragte beswaarnissen en zijne daaruijt voortgevloeijde Jn„ stantie uw hoog Edelens voortedra„ dog 't welke abusive overthoofdgen, dog door de kort daarop voorge„ „vallene verandering in het secreta„ riaat alhier, en op den anderen gevolgde Extraordinaire beesighee„ den door de verweerde toestand der saaken alhier, den voordragt der„ selve soo bij de brief van den 19:' aug=s van gemelde Jaar per de vrouwe Petronella Maria afge„ gaan, als de advijsen over ceilon, „over het hoofd gesien soo dat appengh daar voor nog bij abusive, „ zijnde, gedagte Appengh tot nog toe bij de boeken alhier voor gemelde somma van ƒ835. 9. – be„ versoek om ordre dierhalven, hoede, last blijft; wij versoeken dier hal„ ven ons met uw hoog Edelens hoogst te Eerene ordre dien aangaan„ de aar me„ verselling van de hoofd, en negotie boeken van ao 1769 7/70. item van een stel zoldij boeken van dat Jaar de te willen munieeren of dat montant als nog door Appengh betaald moet werden, dan wel het bedragen dier belasting omde wille van de g'allegueerde reedenen zal mogen afschrijven dewijl deselve anders meede ter voldoening verdeeld sal moeten werden over den gouver„ neur en de overige Leeden van die tijd. De Hoofd en Negotie boeken deeses gouvernements de anno 1769/70. in gereedheid gebragt zijnde, neemen wij de vrijheid deselve over Ceijlon aftezenden, alsmeede een stel zol„ dij boeken van evengemelde boekjaar„ nadien wij vertrouwen daar wel gelegendheijt voor komen zal, desel„ ve vroeger voortteschicken, dan met de ordinaire scheepen deeser Custe 457 Latten dem 41 Latten in dat Jaar custe, dewijl in Laast gemeld geval zulks niet voor augus„ tus naastkomende zal kunnen geschieden denonstantie van de winsctenen Terwijl hieronder Laaten volgen een korse demonstratie ter aanthooning dat de suij vere winsten en Inkom „ sten, naar aftrek der Lasten gemonteerd hebben ƒ283035. 14. 8 818 p=r/o 62896. 19. 69. 1/3. en dus ƒ67999. 9. 5. off pagoo„ den 15108. 23. 65. 1/3. meer„ der dan het boekjaar 176 /9. teweeten „1 2: Teweeten ult=o aug. s 1769. winsten Te Nagap:n. . . ƒ 130501. 18. 8. „ geldvia - - - - - 29073. 8. 8. „ Sadrasp=m - - - „ 68712. 19. 5. „ Jaggernaikp=m „ 370116. 12. 13. „ bimilep:m - - - „ 66499. 5. —. „ palicol - - - „ 2456. 5. —. Teld - - - - ƒ667360. 9. 1. waar van substra„ heere 't verloorene te portonovo - - - „ 3381. 12. 12 ƒ 663978. 16. 5. Jnkomsten Te Nagap=m . ƒ56120. 2. 8. „ geldria - - - „ 6093. 9. 1. „ sadraisp:m - . „ —. —. —. „ portonovo - - - „ —. -. -. „ Jaggernaik p=r „ 4973. 18. 10. Teld - - - - - ƒ76113. —. 11. „ Palicol - - - - - „ 8925. 10. 8. waar van de„ waar van de tra heere het ten traheere, 't ten agteren geraak„ agteren geraak„ te te Sad vas„ te te Sadras, patnam - - - „ 739. 2. 2„75373. 18. 9. patneem - - - - „ 101. 9. 8. 79684. 5. 4. De winsten en Jnkomste . ƒ73935: 14: 14. De winsten en Jnkomsten . ƒ 7.58494. 8. 10. Transporteere van re de De Te Nagap=m. . . ƒ60870. 10. -. „ geldvia - - - „ 6012. 11. 12. adrus p=m - - - „ —. —. — portonovo - - - „ — . - - -. „ Jaggernaik p=m „ 4946. 13. 8. Palicol - - „ 8925: 10:10. Teld - - - ƒ79795. 14. 12. Te Nagap=m - - - ƒ 115470. 19. - „ geldria - - - - „ 21518. 8. 1. „ Sadrasp=m - - „ 104044. —. 11. „ Jaggernaik C. „ 340116. 3. -. „ Pimilip=m - - „ 97557. 15. -. „ palicol - - - „ 134. –. -. Teld. . . . ƒ679641. 5. 17. waar van substra„ heere 't verloorene te portonovo - - - „ 841. 2. 6 ƒ678800: 3. 6. Jnkomsten Transporteere. ult o aug. s 1770 winsten „a Te 1 „p „Jag „bin „ Va ken van 17 Dit
English
3458 ƒ739352. 14. 4. Charges At Nagapatnam. . . . ƒ414699. 3. 12. " Geldria - - - - - " 25391. 12. 10. " Sadraspatnam - - - - " 20895: 6. 15: " Portonovo - - - - 4093. 16. 12. " Jaggernaijkpatnam - - " 27156. 6. 10 " Bimilepatnam. . . . . " 24868. —: - " Palicol - - - - " 7212. 3. -. The Charges. - . " 524316. 9. 11. The profits exceeding the charges - - - ƒ203035. 14. 8. from which deducted the clear profits of the year 1767 1/8. - - - - - " 146409. 5. 8. thus there remains a greater advance for the year 1768/9. ƒ68626. 19. 11. 7 The profits of the financial year 1768/9 were - - ƒ63978. 16. 5. This year the same amount to - - - - " 678800. 3. 6. Thus for the current year more - ƒ14821. 7. 1. The Revenues amounted in the previous year to - - - - ƒ75373. 18. 9. This year they total - - - - - " 79694. 5. 4. therefore this year also more - " 4320. 6. 11. Together more ƒ19141. 13. 12. The Charges amounted in the said past year to . . . - ƒ524316. 9. 11. this year they amount to - " 475458. 14. 2. consequently in the current year less charges, 48057. 15. 9. The greater profits and revenues added to the lesser charges, then there results for the greater advance over the previous year Carried forward The Charges - " 475458. 14. 2. Charges. - - - - - ƒ215036. 5. 3. year 1768/9 - - - - - " 215036. 5. 3. 1769 1/70 - - - - ƒ67999. 9. 5: Charges At Nagapatnam - - - - ƒ377622. 12. -. " Geldria - - - - - " 24764. 12. 9. " Sadraspatnam - - - " 17513. 4. 3. " Portonovo - - - " 3263. 8. 14. " Jaggernaikpatnam " 23717. 5. 8. " Bimilepatnam - - - " 22248. 13. 8. " Palicol - - - - " 6328. 17. 8. Carried forward ƒ758494. 8. 10. ƒ67999:9:5: properly examined after closing The aforesaid ledger books having been presented at our session of 10 February last, namely the summary or statement of the charges and expenses, as well as the advances incurred in the aforesaid most recently concluded trade year at this head settlement of Nagapatnam and subordinate residencies of Cuddalore and Conjemere, showing the origin of the increases and decreases of the same, likewise a brief comparison of the greater and lesser profits and revenues obtained, and the closing of the books having proceeded thereupon, the same were subsequently examined by the members of our assembly Cornelis Pietersz: and Hendrik Ambrosius Johnson, as evidenced by their report submitted thereof and the annexed statement of charges, provided with their annotations in the margin thereof, submitted at our further meeting on the first of this month, the conclusion of which, as well as the copy of the repeatedly mentioned statement, accompany the books as usual, this only insertion of the demonstration or presentation belonging to the main ledgers, showing the profits and revenues as well as the charges of this government in the above-mentioned trade year, with a comparison against what was established in the Memorandum of Management and what was subsequently permitted or granted, etc. Insertion With which we have the honor to conclude this, and subscribe ourselves with the deepest respect. Was written below: Right Honorable, highly esteemed, sovereign Lords, and Honorable Lords; Your Right Honors' humble and obedient servants. Was signed: P: Haksteen, H: Bonte, T:s Cantervisscher, P: J: L: De Fillettaz:, Corn=s Pietersz:, J: A: Beng, J: v: Tessel, W: Duijnevelt, and H: A: Johnson. In the margin: Nagapatnam In the Castle, 14 March 1771. Agreed Checked Tadama. Noordbeveland. No. 1 Per the ship Register of such letters and papers as are addressed this day to His Right Honor, the Right Honorable, highly esteemed, sovereign Lord Petrus Albertus van der Parra, Governor-General, and the Honorable Lords Councillors of the Dutch Indies at Batavia per the ship Noord Beveland, addressed by the Honorable, highly esteemed Pieter Haksteen, Ordinary Councillor of the Dutch Indies and outgoing, and the Honorable, strict Reynier van Vlissingen, incoming Governor and Director of this Coast of Coromandel with its jurisdiction, together with the Council of Nagapatnam, namely Original general missive, by the well-mentioned Lords Governors and the Council, addressed to their highly esteemed Honors, under today's date. No. 2 A sealed packet with separate papers, superscribed by the same mentioned Lords Governors and the Council to the well-mentioned Right Honors, according to the register enclosed therein. 3. A sealed packet addressed by the Lord Governor and Council at Colombo to their Right Honors. 4 A sealed packet dedicated by the Malabar ministers to the same mentioned Right Honors. 5 A sealed letter written on the back by the said Malabar ministers to the well-mentioned High Government accompanying a small chest of trade papers. 6 The aforesaid small chest with Malabar trade books marked. 7 A letter addressed by the Ceylon Government to the well-mentioned Right Honors. 8 Copy of missive addressed by the Lords Governors and Council under date 3 September past to the Noble, highly esteemed Lords Superiors in the Fatherland, and dispatched per the ship De Bartha Petronella via Jaggernaijkpoeram, annex the register of the enclosures sent along with it. 9 Copy of a postscript by and as above, and dated as before, regarding the reduced price of the betel delivered at this head settlement. 10 Copy of letters dispatched by the Pulicat chiefs with that vessel to the well-mentioned Lords Directors at the Amsterdam and Zeeland Chambers, dated, do not go over as they were not received. 11 Item from the Sadraspatnam servants dated.
Dutch transcription
3458 ƒ739352. 14. 4. Lasten Te Nagap:m. . . . ƒ414699. 3. 12. „ geldria - - - - - „ 25391. 12. 10. „ sadras p=m - - - - „ 20895: 6. 15: „ portonovo - - - - 4093. 16. 12. „ Jaggernaijhp=m - - „ 27156. 6. 10 „ bimibep:m. . . . . „ 24868. —: - „ palicol - - - - „ 7212. 3. -. De Lasten. - . „524316. 9. 11. De winsten overtrekende De winsten overtrekfende lasten. - - - - ƒ203035. 14. 8. van de welke afgetroc„ van dewelke afgetrocken ken de suijvere winsten de suijvere winsten van van r„o 1767 1/8. - - - - - „ 146409. 5. 8. zoo resteerd er een meer zoo resteerd er een meer„ der advans voor anno der advans voor anno ƒ68626. 19. 11. 1768/9. 7 De winsten van't boekjaar 1768/9. zyn geweest - - ƒ63978. 16. 5. - - - - „ 678800. 3. 6. Dit Jaar bedragen deselve Des d. o stantij meerder - ƒ 14821. 7. 1. De Jnkomsten bedroegen in a=o p. o - - - - ƒ75373. 18. 9. Dit Jaar Sommeeren - - - - - „ 79694. 5. 4. over zulx dit Jaar ook meerder. - „ 4320. 6. 11. Tesamen meerder ƒ19141. 13. 12. De Lasten beliepen in d. o vergange. . . . - ƒ524316. 9. 11. deesen Jaare beloopense -„ 475458. 14.2. gevolglijk a. o Currentij minderlassen, 48057. 15. 9. De meerder winsten en Jnkomsten met de minde„ re Lasten g'adeeert, zoo komt 'er voor 't meerder g'ad„ vanceerde, als 't Jaar bevoorens- Pr Transport De Lasten _ - _ - - - „ 475458. 14. 2. Lasten. - - - - - ƒ215036. 5. 3. anno 1768 /9 - - - - - „ 215036. 5. 3. 1769 1/70 - - - - ƒ67999. 9. 5: Lasten To Nagap:m - - - - ƒ377622. 12. -. „ geldvia - - - - - „ 24764. 12. 9. „ Sadrasp=m - - - „ 17513. 4. 3. „ portonovo - - - „ 3263. 8. 14. „ Jaggernaik p. m „ 23717. 5. 8. „ Bimilep m - - - „ 22248. 13. 8. „ palicol - - - - „ 6328. 17. 8. P=r Transport ƒ758494. 8. 10. ƒ67999:9:5: De - afsluyting behoorlyk gevisiteerd de voorm: regete boeken zijn nadie De tezamentrecking of vertooen der Lasten en ongelden, mitsgaders de advansen in het voormelde Jongst afgelegde handel Jaar te deeser hoofd, plaatse Nagapatnam en annexe residentien Coedeloer en Conjemeren gevallen, met aantoning van den oorspronk der meerder en minder„ heijd derselve, Jtem een korte ver„ gelijking der meerdere en minder„ behaalde winsten en Jnkomsten ter onser sessie van den 10: ' febr: Jongstleeden gediend, en daar op de afsluyting der boeken voortgang genomen wezende, zijn deselve ver„ volgens door de Leeden onser ver„ gadering Cornelis Pietersz: en Hendrik Ambrosuus Johnson gevisiteerd, uytwijsens derselver daar 17 versa en't gehoor 97 4 43 en 't verthoog der Lasten 459 gehoorende aanlooning daarvan overgegeven Rapport en annexe vertoog der Lasten; met haar aanmerkingen in margine derselve voorsien, ter onser nadere bij een komste van den Eersten deeser verselling van't reffort dier weeg maand ingediend, waar van het be„ sluijt zoo wel als de Copia van het meermeld vertoog na gewoonte de boeken verzellen, deesen eenelijk insertie van de tot de hoofdboek in vloeijende de tot de hoofdboeken gehoorend Demonstratie of aanto„ ning der winsten en Inkomsten mitsgaders de Lasten van dit gou„ vernement in het bovengemeld handel Jaar, met vergelijking van het gestelde bij de Memorie van Menage en het nader toegestane of g'accordeerde &=a Jnsertie Waarmeede wij de Eere hebben deesen te 17 r te besluijten, en ons met het diepst respect onderschrijven /:onderstond:/ Hoog Edele groot agtbaare wijdgebie„ denden heere, en wel Edele heeren; uw hoog Edelens onderdanige en Ge„ hoorsaamo Dienaaren /:wat getee„ kend :/ P: Haksteen, H: Bonte, T:s Cantewvisscher, P: J: L: De Fillettaz:, Corn=s pietersz:, J: ABeng, J: v: Tessel, W: Duijnevelt, en H: A: Johnson, /:in margine:/ Nagapatnam In't Casteel den 14:' Maart 1771. Accordeerd Contobdam Glercq 6 iep nagezien Tadama. No 7 97 Noordbeveland. N=o 1 P=r het schip Register van soodaenige brieven en papieren, als op heeden werden g'ad¬ dresseert, aan zijn Hoog Edelheijd den Hoog Edelen groot agtb: Wyd gebieden den Heere Petrus Albertus van der Parra gouverneur generaal, en de WelEdele Heeren Raden, van Nederlands India tot Batavia per het schip Noord Beveland, werden g'addres „seert Door den welEdelen groot Achtbaren Heer. Pieter Staksteen Raad ordinair van Nederlands India mitsg=s afgaande, en Den welEdelen Gestrengen Heer Reijnier Van Vlissingen aankomend gouverneur en Directeur deeser Custe Cormandel, met den Re„ sorte van dien, Nevens den Raad van Nagapatnam Namentlyjk Origineele gemeene missive, door welmelde Heeren gouverneurs N:o 2 Een geslooten Paiquet met apparte papieren, door even gem: heeren gouverneurs en den Raad, en welm: Haar Hoog Edelens gesuperscribeert, Volgens het daarin geslooten register 3. Een geslooten packet door den Heer Gouverneur en Raad tot Colombo aan Haar Hoog Ed=s beschreeven. 4 Een geslooten pacquet door de Mallabaarse mininters aan even gemelde Haar Hoog Ed: gedediceert 5 Een geslooten brief door gedagte mallabaarse ministers aan welm: Hooge Regeering ge„ Canteert ten geleijde van een Cassie met negotie papieren 6 Het voorm: kasje met mallabaarse Negotie boeken gemerkt 7 Een brief door de Ceijlonse Regeering aan welm: Haar Hoog Ed=s beschreeven gouverneurs en den Raad, aan hoog gedagte Haar Hoog Edelens gerigt, onder heedigen datum. No N 8. : ƒ B 49 Ao. 10 fangen zynde 8 Copia missive door de Heeren Gouverneurs en Raad in dato 3 7ber pass„o aan Edele Hoog achtbare Heeren majores in't Vader„ „land gerigt, en per het schip De Bartha Petronella over Iaggernaijkpoeram versonden, annex het Register v van de daarneevens afgegaane belaagen 9 Copia na briefje door en als even, en gedateerd als vooren, ten opsigte van de ver„ minderde prijs der te deeser hoofd plaatse geleeverde bethiller Copia briefjes door de Palliacatse opperhoof„ gaen niet, over als niet ont, „den met dien bodem aan welmelde Heeren Bewind„ hebberen ter kamer Am„ sterdam, en Zeeland af gesonden de datis - - - - „ W1 Item van de Saaraspatnamse bediendens gedateerd aan gen ken
English
No 12 Copy of Resolutions taken in the Council of Coromandel at Nagapatnam from 10 December of last year to the first of October of this year. No 13 Copy of Letters sent from Palliacatta to here from 29 December of last year to 25 September of this year. 14 Copy of Letters dispatched from here to Palliacatta from 10 January to 7 October of this year. 15 Copy of Letters written from Sadraspatnam to here, from 8 December of the past year to the 2nd of this month. 16 Copy of Letters sent from here thither, dated 22 August prior, beginning the 4th of January of this year and ending the 9th of the current month. No 17 Copy of Letters received here from Portonovo, from 11 December 1770 to 29 September last. 18 Copy of Letters dispatched from here to there, from 18 January to the 9th of the current month. 19 Copy of Letters from the Resident at Cuddalore received here, from 7 February of this year to 20 September last. No 20 Copy of Letters sent from here to the same, from 28 December of the past year to 17 September last elapsed. 21 Copy of Letters brought here from Palicol, from 14 September 1770 to 8 August past. 22 Copy of Letters written from here to the Chiefs there, from 11 January to 17 September of this year. 23 Copy of Letters from Jaggernaykpoeram from 7 December of the year 1770 to the 9th of September last elapsed. 24 Copy of Letters written from here thither, from 10 January 1771 to 12 September last past. 25 Copy of Letters from the Bimlipatnam employees from 15 December of the past year to 15 August of this year. 26 Copy of Letters dispatched from here thither, from 10 January 1771 to the 9th of the current month. 27 Copy of Circular letters dispatched to the subordinate stations of this Coast from 20 January to 31 August of this running year. 28 Copy of Letters dispatched from here to Cape of Good Hope, Colombo, Surat, Bengal, Malabar, Jaffanapatnam, Trincomalee, Tuticorin, Manaar, Kilkare, and Calpentyn, from 10 January to 26 September last past. No 29 Copy of a letter written from here to the English Ministry at Madras on the date of 1 August past with regard to the violence committed by the merchants of the English Company in the weaving villages near Sadraspatnam, annexed with its translation into English. 30 Copy of a short letter in answer thereto, received from the same dated 16 following, annexed with its transcript in the English language. 31 Copy of Letters written from the French ministry at Pondicherry to here, dated 6 March, 15 May, 8 August, and 18 September past, annexed with their transcripts in the original language. 32 Copy of Letters dispatched from here to the same of the dates 10 March, 7 and 28 May, 15 August, 19 September, and 9 October last past, together with their translation from French. No 33 Bundle of various papers relating to a coir anchor cable of 19 inches brought over here from Palliacatta with the sloop De Walvisch and found here to be unserviceable, consisting of: A Copy of the Report of the Honorable Fiscal of this Head Settlement and committee members of the Court of Justice concerning that unserviceable finding; A Copy of the Justification of the boatswain and equipment overseer at Palliacatta, Harmen Its, regarding the proper care etc. that was maintained concerning the said cable; A Copy of the Attestation of the bookkeepers at that office, Isaak Vrijmoet and Jan David van der Waard, under offer of oath relating thereto; A declaration of the boatswain on the sloop De Walvisch, Jan Pietersz, on the contents of the said justification and attestation, also under offer of oath. No 34 Copy of the Estimate of what must be spent on the repair of the buildings at Palliacatta, inserted in the Resolution of 13 September. 35 Copy of the Estimate of what the repair of the two Spice warehouses at this Castle will cost, incorporated into the Resolution of the 25th following. 36 Copy of the report of the sequestrator here, Jacque Theodore Vaucques De San, concerning a sum of Pagodas 197.21.18 or 949 guilders, 16 stivers, 8 pence, which according to the statement of the former Chief of Jaggernaykpoeram, Lovenaar, was allegedly entered for too little in the Trade books of this head settlement, on account of which an elucidation was demanded by Their High Excellencies, annexed with a Copy of the estate account of the said Lovenaar, both inserted into the Resolution of 22 May past. No 37 Original Justification of the said Sequestrator De San, dedicated to Their High Excellencies regarding a sum of Rixdollars 637.3.8, which were charged and enjoyed by him and his predecessor Leonard Campie in the proceedings initiated by the Honorable Fiscal of this Head Settlement against the said Lovenaar, but annulled in case of appeal at Batavia, and the restitution of which has been ordered to them to the attorneys of Lovenaar, annexed with a Statement of the legal costs incurred here in the said case. No 38 Copy of the Report of the Adigar of the Villages, Nicolaas Campie, and the bookkeeper Adam Godlieb Henk, regarding the completed survey of the Company's Villages Anthonijpette and Mangiecolle. 39 Two maps rolled on a stick of the surveyed Villages Sapocoil, Anthonijpette, and Mangiecolle, the two latter being
Dutch transcription
14 Copia Brieven N=o 12 Copia Resolutien genoomen in Raad van Cormandel tot Naga„ patnam seedert den 10:' December des voorleeden tot den eersten october dee„ ses Jaars N:o 13 Copia Brieven van Palliacatta na herwaards gerigt sedert den 29. Decembr des voorleeden, tot den 25. September deeses. Jaars van hier na Palliacatta. af„ gevaerdigt seedert den 10en Januarij tot den 7. 8ber deeses Iaars. 15 Copia Brieven van Sadraspatnam dit heen geschreeven, 't zeedert den 8 xber anno pass=o tot den 2. ' deeser. „ 16. Copia Brieven van hier dat heen gesonden gedateerd 22:' augustus bevoorens be 4 „ „ 2 2 31 18 Copia Brieven mo beginnende den 4:' Janu: deeses Jaars en Eijndigen „de den 9 Courant ontvangen, sedert den 11 xber 1770 tot 29 September Jongstleeden. van hier na derwaarts aff ge vaerdigd, seedert den 18 Janua: tot den 9 Courant & Leer van den Resident te Coedeloer alhier gerecipieert, sedert den 7 febr: deeses: Iaars tot den 20 7ber: J:o leeden. seedert den 28 xber Anno pass=o tot den 17 7ber Iongst ge N:o 17 Copia Brieven van Portonovo alhier „ 20. Copia Brieven van hier aan denselven afgesonden, „ 21 Copia Brieven van Palicol alhier aan„ „gebragt, seedert den 14. '— 7ber: 1770: tot den 8:' Augustus Passador „ 22 Copia brieven van hier aan de Opperhoofden 19 Copia Brieven aldaar a dee„ de en slipt „ aldaar geschreeven, seedert den re 11 Janu: tot den 17 7ber deses Jaars 23 Copia brieven van Iaggernaykpoeram seedert den 7 xber A:o 1770. tot den 9=e 7ber Jongst geslijot 24 Copia brieven van hier dat heen geschreeven, see„ dert den 10 Januarij 1771. tot den 12 7ber Laastleeden van de Bimilipatnamse bediendens seedert den 15 xber A=o pass=o tot den 15 augs deeses. Jaars, 26 Copia brieven van hier dat heen afgesonden, see„ „dert den 10 Januarij 1771. tot den 9=en Courant 27 Copia Circulaire brieven, na de onderhoorige Comp„ toiren, deeser Custe afgevaerdigt zeedert den 20 Janu: tot den 31 aug=s deeses Loopend en Iaare 28 Copia brieven van hier naar Cabo de Goede Hoop Colombo: Souratta, Bengale Mallabaar, Iaffanapatnam TrinConomale, Tutucorijn 25 Copia brieven Manadrs „ „ 52 3 31 Copia brieven Manaar Kilkare en Calpettij pr afgevaerdigt seedert den 10 Janu: tot er den 26 7ber: Jongstb: N=o 29 Copia brief van hier na het Engels Ministerium te Madras p=m geschreeven in dato 1 aug=s pass=o ten opsigte van 't gepleegd geweld, door de kooplieden G van de Engelse Comp: in de weef „dorpen bij Sadraspatnam annex dies overselling in't Engels 30 Copia briefje van in antwoord van dien, van de selve ontvangen gedateerd 16 daar aan, annex dies afschrift in de Engelse taal. van het Fransch ministerium te Fondicherij dit heen geschreeven, ged=t den 6. ' maart, 15 meij, 8 aug„s en 18 7ber p:o annex dies afschriften in de origineete taal 32 Copia brieven van hier, aan deselve afgevair„ digt de datis 10 Maart, 7. en 28 meij 15 aug„s 19 7ber en 9' 8ber Jongst leeden Jaars n op Comp. dig „ o 33 N=o 33. „leeden, neevens dien oversetting uit Fransch: Bondeltje met diverse papieren, betrekkelijk tot een van Pallia Catta, met de Chialoup De Walvisch dit heen over gebragt, en alhier onbequam, be „vonden Caijer ankertouw van 19 dugm, bestaande in Een Copia Rapport van den E fisiaal deeser Hoofdplaatse en gecommitt=s Justitieele Raads leeden, wee„ gens die onbequam bevinding Een Copia Verantwoording - van den bootsman, en Equipagie op„ sigter te Talliacatta Harmen Its weegens goed toeversigt &=a, dat omtrend gedagte touw gehouden is, Een Copia Attestatie van der boekhouders ten dien Comp„ Vrijmoet Isaak toire, van der en Jan David waard 2 tijt 35 Copia Cabuilatie Waard, onder precentatie van Eede daartoe betrekkelijk Een verklaaring van den boots man, op de Chialoup De Wal„ „visch Jan Pietersz op den inhoud van gedagte ver„ „antwoording in attestatie, me„ „de onder presentatie van Eede der gebouwen te Palliacatta besteed werden moet, ter Resolutie van den 13 Septem„ „ber g'insereerd. van het geene de reparatie van de twee Specerij pak„ huijsen, ten deesen Casteel sal komen te kosten, ter Resolutie van den 25: daar aan ingelijft 36 Copia berigt van den sequestor alhier Iac„ que Theodore Vaucques De San, omtrend een N:o 34 Copia Cabiulatie van het gene ter Verhelping Somma uw er d N=o 37 Origineele Somma van Pagood 197.21. 18. of ƒ949. 16. 8. die volgens de opgave van het geweesen Jaggernaghpoerams opperhoofd Lovenaar, bij de Negotie boeken deeser hoofd plaatse te min in„ genomen zoude weesen, welkent wegen, door Haar Hoog Edelens Elucidatie gevordert geworden is, an„ nex: Copia boedel Reek: van gedagte Lovenaar, bijde ter Resolutie van den 22.' maij p=r g'infereerd Verantwoording van gedagte Sequestor De Pan, aan haar Hoog Edelens gedediceert nopens een somma van - Rd=s 637. 3. 8. die door hem en p zijn antecesseur Leonard Campie in de door den E: E 57 E Fiscaal, deeser Hoofd plaatse teegens gedagte Lovenaar g'entameerde, dog in cas de appel te Batavia g'an„ „nulleerde procedures op ge„ bragt en genooten zijn, en welkers restitutie aan de gemagtigdens van Lovenaar haar g'ordonneerd is, annex Een Declaratie van de alhier gevallene proces kosten in ged: zaak. N=o 38 Copia Rapport van den adigaar der Dorpen Nicolaas Campie, en den boekhouder, Adam godlieb Henk, weegens de gedaene mee„ „ting van 'sComp:s Dorpen Anthonij pette en mangie„ „ Colle. 39 Twee kaarten op een stokje gevold, van de 101 gemeeten Dorpen, Sapo„ „coil, Anthonij pette, en mangie Colle, zijnde de twee laaste
English
latter absorbed into one No. 40 Copy of Petition of the aforementioned Henk, presented to the Government here and incorporated into the Resolution of 5 August last, requesting to be favored with such quality as shall be deemed appropriate, matching the work assigned to him of measuring the villages, and which may serve him as a means of subsistence, or otherwise to be discharged from the Company's service with written-off wages. No. 41 Copy of bill of lading of the two permitted chests of the military Lieutenant Singelman, who repatriated here on the ship De Bartha Petronella. No. 42 Copy of receipt from the skipper of the aforementioned vessel, Cornelis Brouwer, for the receipt of the instructions and other papers separately handed over to him. No. 43 Copy of sounding report of the ship 's Lands Welvaren upon its arrival here. 44 Copy of sounding report of that vessel upon its departure for Bengal. 45 Copy of sounding report of the ship Noordbeveland upon its arrival here from Batavia. 46 Copy of sounding report of the ship De Bartha Petronella upon its appearance from the Indian capital. 47 Copy of sounding report of that vessel upon its departure for Jaggernaykpatnam. 48 Copy of sounding report of the ship Rijnsburg upon its arrival from Batavia. 49 Copy of sounding report of that keel upon its departure for Bengal. No. 50 goes over separately. No. 50 Copy of sounding report of the ship Zeerust upon its arrival here. 51 Copy of sounding report of that ship upon its departure for the Ganges. 52 Original sounding report of the bearer hereof, Noordbeveland, upon its departure for Batavia. No. 53 Copy of petition of the skipper of Noordbeveland, containing a request for letters of recommendation to Their Right Noblenesses for the remission of the shortage of delivered pepper charged to his account here beyond the validation stipulated by the regulation, together with a declaration of the ship's officers relating thereto. 54 Copy of Ordinance upon a written certification from the officers of the bearer hereof concerning the proper caulking of that vessel. Does not go over, not being. No. 55 Copy of Ordinance upon a written certification from the said officers concerning the use of the ventilator. Does not go over, not having been received. 56 Copy of Report drawn up in the manner of a daily register and submitted by the officers of the bearer hereof regarding what was performed concerning the discharge and loading of that keel, both here and at Jaggernaykpoeram. 57 Six petitions dedicated to Their Right Noblenesses, namely: One from the provisional trade bookkeeper and first warehouse master Hendrik Ambrosius Johnson, requesting his confirmation in those offices and the corresponding quality and salary of merchant. One from the military Captain Johan Ernst Godlob Haselman, insisting upon being approved as head of the militia here and increased in salary to 100 guilders, as well as being favored with the title and rank of Major. One from the provisional military Captain Christiaan Mpale, in order to be actually confirmed as such. One from the provisional Lieutenant Jochem Winkelman, also requesting the absolute quality. One from the provisional Lieutenant Jan Hendrik Homburg, likewise insisting upon his approval as such. One from the commanding Sergeant Johannes Simon Koks, supplicating to be advanced to ensign. No. 58 Written Report from the ordinary Lieutenant of the artillery here, Godlieb Kruger, regarding both the bronze and iron cannons, as well as round and elongated shot. 59 Written Report from the said Lieutenant concerning the proportions and further characteristics of the bronze and iron cannons at this capital. 60 Report and findings of the quantity and quality of the gunpowder found in existence at the end of August last. 61 A small packet directed by the aforementioned Lieutenant Kruger to the Major of Artillery in Batavia. 62 A Packet directed by the Honorable Court of Justice of this Castle to the Honorable Court in Batavia, under flying seal. 63 A small Packet under flying seal, directed by the Captain Commandant and head of the Militia here, Johan Ernst Godlob Haselmann, to the Colonel and head of the Militia in India at Batavia, containing a neat list of the military personnel stationed on this Coast. No. 64 A Letter directed by the Orphan Masters here to the Noble Orphan Masters in Batavia, together with a parcel sewn in wax cloth, containing the Cormandel orphan books, closed and balanced, for the year 1749/1750. 65 Copy of the Register of European papers received here under date of 10 December of last year. 66 Seventeen invoices of the 20 permitted chests of the ship's officers and deck officers of the bearer hereof. 67 A bundle containing the extracted positive orders from the Homeland since the year 1735 to the year 1745. No. 68 A bundle containing the extracted positive Batavian orders of that same period. 69 A small bundle, containing therein: Two incoming letters from Sadraspatnam, dated 18 and 22 July past, circulating concerning the violence committed by the merchants of the English Company at Sadraspatnam, which were written separately on that account and therefore not bound with the ordinary incoming letters from Sadraspatnam, together with 4 translated Malabar olas relating thereto. 70 Copy of Petition of the former gunner here, Jan de Milde, requesting to obtain from the estate of Johannes Habolkamp a sum of 600 guilders.
Dutch transcription
laaste in een getrokken N=o 40 Copia Request van voorm: Henk, aan de Regeering alhier gepresenteerd en ter Resolutie van den 5 aug„s pass. o ingelijft, ten„ deerende versoek, om met een sood aenige qualiteit be„ gunstigt te werden, als men goed vinden zal, over een kom„ stig te zijn, met het hem opgelegd werk, van de mee„ Dorpen, en hem ting der tot een middel van bestaan strecken kan, of anders met afgeschreeven gagie uijt sComp dienst ontslagen te werden, twee gepermitteerde kisten van den met het schip De Bartha Petronella ge¬ repatrieerden Luytenant militair Singelman N=o 42 Copia quitantie van den schipper van even N=o 41 Copia brand brief van de alhier gebraade gem „ 4 4 39 gemelde bodem, Cornelis— Brouwer, weegens de ontvangst van de heme apart ter hand gestelde in structive en an„ „dere papieren N=o 43 Copia peijl rapport van't schip slands welvaaren bij desselvs arrive al„ hier 44 Copia peijl Rapport van dien bodem bij zijn vertrek na Bengale „ 45 Copia peijl Rapport van 't schip Noord beve„ land, by desselve komste van Batavia alhier „ 46 Copia peijl Rapport van t schip De Bartha Betronellee, bij desselvs op daging van de Indiase Hoofd plaatse. vertrek na Iaggernayk p=m „ 48 Copia peijl Raport van 't schip Rynsburg, byj desselve komst van Batavia „ 49 Copia peijl rapport van dien kiel by desselvs depart na Bengale „ 47 Copia peijl Bappart van dien bodem bij desselve N 50 de n gaat tapart 32 over N=o 50 Copia peijl Rapport van het scrijp Zecker lust by desselvs arrive alhier. 51 Copia peijl rapport van dat schip by zijn vertrek na de ganges. Origineel peijl rapport van brenger deeses Noord by desselvs beveland vertrek na Batavia N=o 53 Copia request van den schipper van Noord beve„ land, inhoudende versoek om voorschrijvens aan Haar hoog Edelens ter ont heffing van de hem alhier op reek gestelde boven de validatie by het reglement gestipuleert te min uijt ge„ „leverde peeper, annex Een verklaaring van de scheeps Officieren van daartoe re„ latief „ 54 Copia Ordonnantie op in schriftelijke Certificatie van de overheeden van brenger deeses, weegens het be„ hoorlijk Calfaaten van gaat dien „ niet zijnde over 61 gaat niet over als niet ontfangen zijnde 57 ses stux requesten N=o 55 Copia ordonnantie 56 Copia Rapport by wijse van dag register in ge „rigt, en door de overheeden van brenger deeses overge„ geeven, weegens het verrigt omtrend de ontlossing en belading van dien kiel, zoo alhier als te Saggernagh poerain aan haar Hoog Edelh:s gede„ „diceert, te weeten Een van den p:l Negatie boekhouder en eerste Pakhuijs meester Hen„ „drik Ambrosius Johnson versoekende om zijn bevestiging in die diensten, en de daartoe staande qualiteit en gagie van koopman. Een van den Capitain militair . dien bodem op en schriftelijke Certificatie van gedagte overheeden, wee„ gens het gebruijk van de ventilator. Johan EH Johan Ernst Godlob Hasel¬ man, insteerende om als hoofd der militie alhier g'approbeerd en tot ƒ 100 in gagie verhooge, mitsg=s met de Titul en rang van Majoor begunstigd te werden. Een van den p=l Capitain mili„ tair Christiaan Mpale ten einde als zoodaenig actueel bevestigd te werden. Een van den p=l Lieutenant van Jochem Winkelman versoekende almeede om de absolute qualiteit Een van den p=l Lieutenant Ian Homburg uistee„ Hendrik rende meede om zijn approba„ „tie als zoodaenig Een van den Commandeerende Sergeant Iohannes Si„ mon koks, supplieerende tot N „ „ 59. schriftelijk Rapport „ 61. Een pakquetje door tot vendrig geadvanceerd te werden. der Arthillerij alhier Godlieb Kruger soo van de metalen, en ijsere Canons als rond en langscherp. van gemelde luijtenant wegens de proportie, en verdere kente„ kenen van de metalen, en ijsere Canons, te deeser hoofdplaatse. van het onder ult:o augustus Jongstleeden in weesen bevonden buskruijt. voormelde Luijtenant kru„ ger aan den Majoor der Ar„ thillerij te Batavia gerigt. 62: Een Pacquet door den agtb: Raad van Justitie deeses Casteels aan den Ed: Agtb geregt te Batavia gerigt, onder Cachet volant. „ 63. Een Pacquetje onder Cachet volant, door den Ca„ pitain Commandant en hoofd N:o 58 schriftelijk Rapport van den ordinaire Luijtenant „ 60. Rapport en Bevinding van de quanti en qualiteit der el Jan 63 der Militie alhier Johan Ernst Godlob Haselmann aan den Collonel en hoofd over de Militie in Jndia te Bata„ via gerigt, behelsende een nette opgaaf van de ter deeser Custe bescheijdene Mi„ litairen. . N:o 64. Een Brief door weesmeesteren alhier aan de Ede„ le weesmeesteren te Bata„ via gerigt, neevens een paka„ je in waxdoek benaaijd, ver„ se guld en beschreeven Cor„ mandelse wees boekjes, de anno 17 9/10:. —. „ 65. Copia Register der alhier ontfangene Eura„ pase papieren de dato 10. ' xber des voorleeden Jaars factuuren vande 20 gepermitteerde kisten der scheeps overheeden en deks officieren van bren„ ger deeses. „ 67. Een Bondel inhoudende de g'Extraheerde posi„ ƒ: tive Patriase ordres see„ „ 66. Seeventhien stux dert 9 63 dert anno 1735. tot anno 1745. —. N:o 68. Een Bondel vervattende de uijtgetrokken posi„ tive Bataviase ordres van dien selvde tijd „ 69. Een Bondeltje; daar in. — Twee aankoomende brieven van sadraspatnam, de datis 18. ' en 22. ' Julij p:r Roul„ leerende over het gepleegd geweld, door de Cooplieden der Engelse Comp:e te sadras¬ patnam welk apart dier„ weegens geschreeven en daar om bij de ordinaire sadras¬ patnamse aankoomende niet ingebonden zijn, neevens 4. stux Translaat mallabaarse olas daar toe relatief „ 70. Copia Request van den oud Constabel alhier Jan de Milde tendeerende versoek ter erlanging uijt die boedel van Johannes Habol¬ Kamp, van een somma van 6o0 Jan
English
600 new Nagapatnam pagodas which he placed in safekeeping with the same, inserted into the Resolution of 4 May, annexed copy of proof provided in that regard to him by the said Haselkamp, dated 1 May 1763. No. 71. Five copy General Findings of the imported cargo per the following ships, namely: 2 from the ship Noordbeveland, as: 1 from Nagapatnam, annexed copy of Report from the Fiscal, the Honorable Cantervisscher, and the Judicial Council members Haselman and Henk, concerning the finding of the imported thread, together with an Extract of Resolution dated 3 September last, taken in the Council of Coromandel regarding this. 1 from Jaggernaikpoeram, together with an Extract of Resolution taken regarding this in the aforesaid Council, dated the 8th instant. 1 ditto from the ship Rijnsburg, annexed copy of Report from the aforesaid Fiscal and Judicial Council members Haselman and Buijs, concerning the finding of the imported thread, together with an Extract of Resolution taken in this regard in the Council of Coromandel, dated 13 September last. 1 ditto from the ship De Bartha Petronella, concerning imported gold, silver, pepper, and indigo. 1 ditto from the ship Eeckerlust, concerning the imported sugar, etc. No. 72. Six copy invoices of the cloth packages, etc., sent per the ship De Bartha Petronella from here via the factory Jaggernaikpoeram to Europe, as: 2 dittos from Nagapatnam, namely: 1 for the presiding Chamber Amsterdam, 1 for the Chamber Zeeland. 2 dittos from Sadraspatnam concerning cloth sent per the sloop De Nagtegaal to Jaggernaikpoeram to be transshipped there into the above-mentioned vessel and sent along with it, as: 1 for the Chamber Amsterdam, and 1 for Zeeland. 2 dittos from Palliacatta, of the packages sent per the sloop Anthonij Dorothea to the aforesaid factory for the purpose aforesaid, namely: 1 for the Chamber Amsterdam, and 1 for Zeeland. No. 73. A Provisional Requirement of gold, silver, merchandise, etc., for the coming year 1772, followed by a note or list of the remaining stocks held on this Coast. No. 74. Two catalogues of medicines, as: 1 ditto from Nagapatnam, and 1 ditto from Palliacatta. No. 75. Eight pieces of separate returns, departing in duplicate, namely: 7 dittos from Nagapatnam, as: 1 ditto of sold ordinary and bleached Guinees from Bimilipatnam, etc., dated ultimo October 1770. 1 ditto of ordinary bleached Guinees from Bimilipatnam and Palicol, together with 1 old coach from Nagapatnam, dated ultimo March 1771. 1 ditto of 430: 16: 8 fine marks, or 560 troy marks in 28 bars of unminted gold to the money changers here, dated ultimo April 1771. 1 ditto of ordinary bleached Guinees from Bimilipatnam, sample cloths from Nagapatnam, likewise, dated 22 May 1771. 1 ditto of Dutch vinegar and distilled waters from Nagapatnam, dated ultimo June 1771. 1 ditto of miscellaneous cloths from the Sadraspatnam merchants, dated 3 October 1771. 1 ditto of indigo from Batavia, dated ultimo December 1771, together with an Extract of the sale roll. 1 ditto from Bimilipatnam of sold sulphur earth, dated ultimo July 1771. No. 76. Forty-seven pieces of monthly returns, namely: 11 pieces from Nagapatnam, dated September 1770 to July 1771. 11 pieces from Sadraspatnam, ditto. 11 pieces from Palliacatta, ditto. 10 pieces from Jaggernaikpoeram, dated July 1770 to July 1771, except for the month of December 1770. 4 pieces from Bimilipatnam, of November 1770, February, May, July 1771. No. 77. Seven copy mint findings, as: 5 dittos from Nagapatnam, namely: 1 ditto of minted new Nagapatnam pagodas, 17 September 1770. 1 ditto of minted three-figure pagodas, dated 28 January 1771. 3 dittos of minted Nagapatnam fanams, dated 30 April, 30 June, and 4 October 1771. 2 copy mint findings of Jaggernaikpoeram of minted silver rupees, dated ultimo August 1770 and ultimo January 1771. No. 78. A formal transfer of the government and direction of the Coast of Coromandel, dated ultimo February 1771, handed over and transferred by the Right Honorable Pieter Saksteen, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, outgoing, to the Right Honorable Reynier van Vlissingen, incoming Governor and Director of the said Coast. No. 79. A rough return of merchandise sold on the Coast of Coromandel since 1 November 1770 to ultimo July 1771, departing in duplicate. No. 80. A list of unfit goods. No. 81. A note or list of the remaining merchandise, etc., held on this Coast from the year 1771. No. 82. A note or list of the remaining merchandise held under ultimo September 1770, which was indeed cited in the letter of 29 September, but not dispatched. No. 83. A note of the cloth collected and dispatched on this Coast for Europe in the years 1766/67 and 1767/68. No. 84. A copy provisional answered homeland requirement for the year 1772. No. 85. A copy register of the Coromandel pay books of the year 1769/70. No. 86. A general muster roll of the European servants for the whole of Coromandel, dated ultimo June 1771. No. 87. Two qualified rolls of the same, namely: one for the General Secretariat, and one for the Pay Office, annexed a short list on each of the same, all dated as above. No. 88. A general muster roll of the Eastern soldiers, dated as stated. No. 89. A muster roll of the ship De Bartha Petronella, dated 3 September of this year. No. 90. A receipt roll of the distributed advance wages to the crew of the ship Noordbeveland at Jaggernaikpoeram, dated 5 December last. No. 91. Extract expense account of the aforementioned ship Noordbeveland. No. 92. A small nominal roll of three persons who are on the debt account here. No. 93. Two answered memorandums concerning the salaries, together with an extract from the homeland in that regard. No. 94. Eighteen pieces of pay accounts of three European and eight Eastern soldiers, who [illegible]
Dutch transcription
600 nieuwe Nagapatnamse pagooden die hij den selven in bewaring gegeven heeft ter Resolutie van den 4e: Meij g'insereerd annex Copia bewijs door gedagte Hasel„ kamp, dier weegens aan hem verleend ged 1. Meij 1763: — N:o 71. Vijf Copia Generale Bevindingen van de aange„ bragte lading per de vol„ gende schip te weeten:— 2. Van 't schip Noord beveland als. 1. van Nagapatnam, annex Copia Rapport van den fiskaal de heer Canter„ visscher en de Justitieele raadsleeden Haselman, en Henk, weegens de bevin„ ding van de aangebragte Noolen, neevens. — Een Extract Resolutie de dato 3„e 7ber: pass:o diend„ weegen 1 67 weegen in Rade van Cor„ mandel genomen. —. 1. van Jagger naikpoeram neevens. Extract Resolutie daar„ omtrent in voorm: Rade genoomen; ged' 8„e Courant 1. Dito van het schip Rijns„ burg annex. —. Copia rapport van voorm: fiskaal en Justitieele raads, leeden Haselman en Buijs, weegens de bevinding van de aangebragte Nagulen nevens Extract resolutie ten dien opsigte in Raade van Cor„ mandel genomen de dato 13. 7ber Jongstl: 1. Dito van het schip De Bartha„ Petronella, weegens aan„ gebragt goud, zilver, peeper en Jndigo 1. Dito van het schip Eecker„ lust amse Meij g and N:o 72: Ses Copia factuuren van de versondene Lijwaat pac„ ken &„a per het schip De Bar„ tha Petronella, van hier over het Comptoir Jaggernaik„ poeram na Europa; als. 2. ditos van Nagapatnam, tewel„ ten:~. 1. voor de presidiale kamer Amsterdam 1. „. „ Kamer Zeeland 2. ditos van sadraspatnam weegens gesondene Lijwaaten per de Chialoup De Nagte„ gaal na Jaggernaik poe„ ram om aldaar in boven gem: bodem overgescheept, en daar meede versonden te werden, als. 1. Voor d' Kamer Amsterdam, en 1. —:o Zeeland 2. ditos van Palliacatta, van de per de Chialoup Anthonij Dorothea, na voorm Comp¬ lust van de aangebragte Zuijker Etcra. . toir N No. „ te toir gesondene pakken ten fine voorsz, teweeten: 1. voor d' kamer Amsterdam, en _:o Zeeland ensz, voor 't aanstaande Jaar 1772; waar agter volgd een Notitie of Lijst van de te deeser Custe berustende Restanten. —. „ 74. Twee Cathalogussen der medicamenten, als: 1. d„o van Nagapatnam, en 1. „. „ Palliacatta 75. Agt Stux apparte Rendementen; dubbeld afgaande teweeten. —. 7. ditos van Nagapatnam, als. 1. d:o van Verkogt Guinees gem nur en gebl: van Bimilip Ensz: ged:' ult:o 8ber: 1770: 1. d:o van Guin:/ gem gebl:, van Bi„ milipatnam en Palicol., neevens 1. oude Coets van Naga„ patnam, ged:t ult=o maart 1771. 1. d:o van mq: fijn 430: 16: 8:, of mq: tr:s 560. aan 28 staaven goud. N:o 73. Een Provisioneel en Eijsch van goud, Zilver, Coopmansz: ongemunt pac„ — ongemunt aan de wisselaars alhier ged ultimo april 1771. 1. d:o van Guinees gem: gebl: van Bimilipatnam monster klee„ den van Nagapatnam, insz: gedt 22e: Meij 1771. 1. d:o van azijn hollands, en gedisteleerde waateren van Nagapatnam ged:t ult:o Junij 1771:—. 1. d:o van Diverse Lywaaten van de sadraspatnamse Cooplie„ den ged:t 3„e 8ber: 1771. —. 1. d:o van Jndigo, van Batavia ged' ult:„o Jber: 1771: benevens Extract vendu Roll. 1. dito van Bimilipatnam van verkogte Zwarel aarde ged:t ult:o Julij 1771: N:o 76: Seven en Veertig ps maandelijxe Rendementen, teweeten: 11. P:s van Nagapatnam eds ber vrot 8 Julij 171. 11. „ „ Sadraspatnam . „. „ „ . - „ „. . „ 11. „. „ Palliacatta. . „. „. „. . „ „ . . „ 10 E 7 10. ps van Jagger nan Pp„r Cod:t Julij 170. tot Julij 1771. Excepto van de maand Jber 1770: N3: 4. „ „ Bimilip: van 9ber: 1770: feb„rj Meijs Juli 171. N:o 77. seven Copia Munts bevinding; als. 5. d:o van Nagapatnam; teweeten 1. d:o van geslagene nieuwe Nagapatnamse pagooden den 17. 7ber: 1770 1. „ van geslagene driebeeldige pagooden ged: den 28. ' Januarij 1771. 3. d:os van geslagene Nagapatnamse fanums gedt 30 april, 30' Junij, en 4. october 1771. 2. Copia munts bevindingen van Jaggern: van geslagene silvere ropijen ged:t ultimo augustus 1770: en ult:o Januarij 1771. —. „ 78. Een Formeel Transport van 't Gouvernement en directie der Custe Cormandel onder dato ult:o febr: 1771. overgegeeven, en getranspor„ teerd door den welEdelen Groot Agtb: Heer Pieter Saksteen, Raad ordinair van Nederlands Jndia, af„ gaande AV gaande; aan de Wel Ed: gestr: heer Reijnier van Vlissin„ gen aankomend' Gouverneur en Direkteur der gem: Cust: N:o 79. Een Ruw Rendement van verkogte Coopmansz: ter Custe Cormandel seedert primo 9ber: 1770: tot ultimo Julij 1771: dubbeld afgaande. — „ 80: Een Notitie van onbequaame goederen „ 81. Een Notitie of Lijst van de te deser Custe berustende Res„ tanten Coopmansz: W„a van A:o 1771: „ 12: Een Notitie of Lijst van de onder ult:o 7ber: 1770: berust heb„ ben de restant Coopmansz: welke bij brief van den 29. 7ber: wel ge„ „ maar citeerd „ niet afgesonden is, „ 83. Een Notitie van de in den Jaare 176/7. en 176 7/8. te deeser Custe voor Europa ingesamelde en versondene Lijwaten. — „ 84. Een Copia provisioneele b'andwoorde vaderlandsche Eijsch voor den Jaare 1772: „ 85. „. . „ Register der Cormandelse zoldij boeken de anno 17 /70: „ 86. „. Een Generaale monster Rol van geheel Corman„ „ 94. del „ „ 93 43 del der Europeese dienaaren, de dato ult:o Junij 1771. N:o 87. Twee gequalificeerde Rollen van als Eeven te weeten Een voor de Generaale Secretarij, en Een voor het Zoldij Comptoir, annex Een korte Lijst op ider derselve alle ge„ dat eerd als vooren „ 88. Een Generaale Monster Rol, der oosterse militairen de dato als gesegt. —. „ 89. Een Monster Rol van het schip De Bartha Pe„ tronella, de dato 3. ' 7ber dee¬ ses Jaars. —. „ 90. Een quitantie Rol der uijtgedeelde goede maanden aan het volk van het schip Noord beveland te Jagger„ naik p:m de dato 5. Jber pass:o „ 91: Extract onkost Reek: van Eeven gemelde schip Noord„ beveland. „ 92: Naam Rolletje van Drie persoonen die alhier op schuld reekening lopen. . „ 93. twee Beantwoorde Memories, Concerneerende de soldijen neevens een patriase, Extract dierweegens. —. „ 94. Agthien stux zoldij Reekenings van Drie Europeese en agt oosterse militairen, die. Res¬ 6 Eijsch E an
English
passes over Number 95. Three expense accounts of the said vessel Noordbeveland; namely: 1. from Batavia 1. from Nagapatnam, to which are annexed two memoranda of furnished equipment goods, together with an extract resolution concerning this matter taken in the Council of Coromandel on the 25th of September last 1. from Iaggernaikpoeram. 96. Inventory of the said vessel. 97. Note of what has been furnished here to and on behalf of the aforesaid ship. 98. Invoice of the cargo in the said vessel. 99. Bill of lading of the cargo in that ship, and also a separate note of the number and weight of the transshipping goods that are crossing with the bearer of this, according to a separate register. Number 100 75 13 Number 100. Extract from the Iaggernaijkpoeram expense account of the ship Noord Beveland concerning the advanced advance-wages to the seafarers assigned to it. 101. A small chest with Coromandel pay-books of the years 1766/70 for the Fatherland. Furthermore also: 102. A sealed small packet superscribed by the Right Honorable, Highly Venerable outgoing Governor to Their High Honors. 103. A sealed copy of the secret memorandum for the Honorable Reijnier van Vlissingen, incoming Governor and Director of this Coromandel Coast with its dependencies, drawn up and left by the Right Honorable, Highly Venerable Pieter Haksteen, outgoing Governor and Director of this Coast, and handed over at the general transfer. handed over. Number 104. Two copies of memoranda for the said Honorable Mr. van Vlissingen, drawn up and left by the said Right Honorable. 105. Bill of lading invoice of the further goods loaded into the bearer of this. 106. A postscript accompanying the same. Nagapatnam, in the Castle, the 14th of October Anno 1774. was signed Robdam, sworn clerk. Agrees Cornelis Robdam First Clerk Checked Van Tessel 47 474 Reception of various letters Batavia. To His High Honor, The High Honorable, Highly Venerable, Widely Ruling Lord Petrus Albertus van der Parra, Governor-General, and the Honorable Lords Councillors of the Dutch Indies, etc., etc., etc. High Honorable, Highly Venerable, Widely Ruling Lord, and Honorable Lords! Both via Ceylon and with the safe arrival here of the ships Noordbeveland, the Bartha Petronella, Rijnsburg, and Leekerlust, we have had the honor the orders contained therein. Receipt of two European packets. to see ourselves honored on the 4th of May, 27th of July, 18th and 21st of August, as well as the 15th of September last, with the receipt of Your High Honors' most respected common as well as circular missives dated the 28th of December of the past year, the 30th of April, 3rd and 31st of May, as well as the 2nd, 25th, and 29th of July of this year, alongside all their annexes, as cited on the registers sent along with them. The orders, both special and general, mentioned therein, we shall, in so far as they have not already been executed, take as our dutiful observance and guideline in the handling of affairs for the respectful reply to the aforesaid revered missives mentioned herein, and also cite them where suitable. Yet before we proceed to that and to the formal answer itself, we still consider ourselves obliged to inform Your High Honors that on the 6th of August and the 3rd of September last, via Ceylon, there were also delivered to us the highly respected 475 5 29 Forwarding of a copy of the register. Marginal reply to the orders of the Fatherland extracts. original and duplicate missives from the High Honorable, Highly Venerable Lords Directors of the Amsterdam Chamber, dated the 15th of October and the 7th of December 1770, dispatched per the ships Velsen and Borsselen, alongside such annexes as were listed in the register thereof, dated the 10th of December of the past year, a copy of which we annex hereto for Your High Honors' revered perusal; and furthermore we insert here the extracts from the general Fatherland missives dated the 25th of September and the 15th of October of the said year, with our respectful reply in the margin of the same, in so far as Coromandel is concerned. The collection of textiles having succeeded reasonably well, a robust number of bales has been held in readiness for the Netherlands, of which the largest part has been transported with the return ship Bartha Petronella, designated at Batavia by Their High Honors, the Honorable High Indian Government at Batavia, as Your High Honorable, Highly Although for several years Your Honors have been mindful to have the Coromandel returns for the Netherlands brought to Batavia early enough, so that they might conveniently be distributed among the ships of the first consignment,
Dutch transcription
gaat appu over N:o 95. Drie onkost Reeckening van gedagte bodem Noordbeveland; als: 1. van Batavia 1. „ Nagapatnam, waar agter gevoegd zijn, twee, memo„ rien van verstrekte Equipa„ gie goederen, beneevens Ex„ tract Resolutie diend wee„ gen in Raade van Corman 5ft del genomen op den 25 7ber: pass:o 1. van Iaggernaikpoeram. „ 96. Jnventaris van gesegden bodem „ 97. Notitie van het geene dat alhier verstrek is, aan en ten behoeve van voorsz: schip. „ 98. Factuur van 't geladene in gesegden bodem„ „ 99. Cognoiscement van 't geladene in dat schip, an„ nog een apparte Notitie van 't getal en de swaarte der„ ken overgaande die met brenger deeses over„ varen, volgens apart Re„ gister. No: 100 „ - Geelven 75 13 N:o 100. Extract uijt de Iaggernaijkpoeramse onkost reecq: van het schip Noord Beveland weegens de verstrekte goede maan„ den aan de daar op bescheij¬ dene Zeevaarende, „ 101. Een kasje met Cormandelse zoldij boeken de anno 1766/70: voor 't Patria voorts nog „ 102: Een geslooten Pacquetje door den wel Edelen Groot agtb Heer afgaande Gouver„ neur aan haar hoog Edelhee„ dens gesuperschribeerd „ 103. Een geslooten Copia sicreete memorie voor den Edelen heer Reijnier van Vlissingen aankoomende Gouverneur en Di„ recteur deeser Custe Cormandel met den Resorte van dien, bij den wel Edelen Groot Agtb Heer Pieter Haksteen, afgaande Gouverneur, en diriecteur deeser Custe opgesteld en nagelaa„ ten, mitsgaders bij het doen van 't Generaale Transport overgegeven e overgegeven. —. N:o 104. twee Copia Memorien voor ged: Ed: heer van vlissingen, door welmelde groot agtb: op gesteld en nagelaten. „105. Cognoiscement factuur van 't nader geladene in brenger deeses. „ 106. Een na briefje ten geleijde van het selve. —. Nagapatnam in't Casteel den 14. 8ber A o 1774. /:was geteekend:/ Robdam gesw Clercq. Accordeerd Cornobdam E Clercq ƒ Nagesien =Van Tessel 47 474 i receptie van diverse brieven Batavia Aan zijn Hoog Edelheijd, Den Hoog Edelen, Groot Agtbaaren Wijdgebiedenden Heere Petrus Albertus van der Larra, Gouverneur Generaal en de Wel Edele Heeren Raaden van Nederlands India Etc:r Htera Etera Hoog Edele, Groot Agtbare Wijd gebiedende Heer; en Wel Edele Heeren! soo over Ceijlon, als met de behoude arrive alhier van de scheepen Noord„ beveland, de Bartha Petronella, Rijns„ burg en Leekerlust hebben wij de eere gehad de daarbij vervatte ordres, ontfangst van twee Europeese pacquetten gehad op den 4 ' Meij, 27. Iulij 18 en 21. aug. s mitsgaders 15. 7ber. Jongst Leeden ons vereerd te sien in de receptie van uw Hoog Edens. seer gerespecteerde, soo gemeene als Circulaire missivens van den 28. ' dec„ des gepasseerden, 3o april, 3. en 31. Meij, mitsgaders 2. 25 en 29 Iulij deeses Iaars, neevens alle der bijlagen, op de daarnevens overgesondene Registers ^generaal te doene observantie van geciteerd de ordres, soo speciaal als ^ daar bij vermeld, sullen wij voor soo verre die niet reeds ter executie gesteld zijn, en in de verhandeling van saaken tot Eerbiedige rescriptie van voorsz. gevenereerde missi„ vens bij deesen mentie gemaakt werden, ter onser schuldige observantie en rigtsnoer nemen, en ook daar het te passe sal— komen 'er aanhaling van doen. Dog eer wij daartoe en tot de formeele beantwoording selve overgaan, agten wij nog ons verpligt uw Hoog Edelens ter Ken„ nisse te brengen, dat op den 6. aug. s en 3. tber Laastleeden over Ceijlon ons ook wel toegebragt zijn geworden, de hoog gerespec„ teerde - 475 5 29 verselling van dies Copia register. marginale beantwoording teerde origineele en duplicaat missivens be van de hoog Edele, hoog Agtbaare Heeren Bewinthebberen ter Kamer Amsterdam, in datis 15. october en 7. xber 1770 per de scheepen Velsen en Borsselen afgeson„ den, nevens sodanige bijlagen, als ver„ meld hebben gestaan bij het Register daar van, gedateerd den 10. ' xber. anno passato, van het welke het afschrift tot uw hoog Edelens gevenereerde specu„ latie deesen bij voegen; en wijders nade der vaderlandse Extracten ordre desen insereeren, de Extracten ge„ nerale Patriase missivens, gedateerd 25. 7ber: en 15. ort„n des gemelden Jaars, met onse Eerbiedig antwoord in marg: der selve voor soo verre Cormandel betreft. den Insaam van Lijwaaten Hoe Zeer VE: sedert ver„ reedelijk wel geslaagd sijnde, heeft scheijde Iaaren bedagt zijn ge„ men een kloek aantal packen voor Nederland in gereedheijd gehad, weest, om de Cormandelse rethori„ waar van het grooste gedeelte, met ren voor Nederland vroeg tijdig het door haar Hoog Edelens, de Ede„ genoeg te Batavia te doen le Hooge Indiase Regeering te ba„ tavia aangelegd Rethour schip aanbrengen, om die bekwaame„ de Bartha Petronella vervoerd lijk over de scheepen van de eer„ is, gelijk uw Hoog Edele, Hoog ste besending te kunnen verdee len gen, 1
English
Honorable sirs, as we trust will have already appeared from our respectful accompanying letter dated 3 September of the past year, to which we also respectfully refer, concerning the adverse voyage from Batavia to this place, and the late appearance of that keel here caused thereby, as well as the arrangements of the aforementioned Honorable High Indian Government regarding that vessel disrupted by the same, and the haste with which everything had to be put into operation here so that said keel could undertake the voyage to the Cape on the day appointed by the aforementioned Your High Excellencies, being 25 September. However, the arrangements made for that purpose have by no means answered Your Excellencies' intention. The ship Lekkerland, which Your Excellencies had expected back in mid-August, appeared so late that there was only just enough time to unload the brought linens into the ships already lying ready to sail, without those cloths being able to be inspected before shipment. And Tulpenburg having arrived only after the departure of those ships, Your aim with regard to the cargo of that ship was thereby completely frustrated. The late return of those ships, however, is not to be attributed to the neglect or improper direction of the Coromandel ministers, but it appears that notwithstanding Your Excellencies' care and their cooperation, the hindrances that repeatedly frustrate the intended aim could nonetheless not be prevented. Meanwhile, the ship Neijenburg that stayed behind serves as further, though painful, proof of the greater danger to which the ships of the second consignment are exposed. And since experience has shown that the outcome of the means which have hitherto been employed to free the Coromandel returns from that greater danger is so precarious that not the least certainty can be relied upon, it is utterly necessary to provide against it by other arrangements. Nor do we doubt that Your Excellencies will be fully convinced of the necessity, and will therefore also have already made the necessary arrangements to have the Coromandel linens sent directly to the Netherlands. But if, contrary to our expectation, Your Excellencies might not yet have decided to do so, Your Excellencies will have to do so without delay, as there is no doubt that the Coromandel ministers will be in a state to dispatch a well-laden ship to the Netherlands in due time. We meanwhile express our satisfaction with the increased collection of linens during the year 1762/8, but having flattered ourselves that the purchase prices would have been reduced, we have learned with all the more regret that the ministers, in order to be able to comply with Your Excellencies' emphatic order, were compelled to pay even higher prices for some sorts. What the consequence of those high prices will ultimately be is easy to foresee, and we expect that, if no change for the better can be brought about in that regard, Your Excellencies will be obliged to limit your demands to that which cannot be dispensed with for own convenience and necessary dispatch. It has already been communicated that the price increase conceded upon order has been revoked again, except at Bimilipatnam and Sadras, where the merchants, on account of their debts to the Honorable Company, remain stubborn and will not resolve to consent to a price reduction; but once their debts are settled, the merchants of Bimilipatnam can well be compelled to deliver linens at the former prices. To satisfy that demand in quantity and quality will be our endeavor, and it has therefore been charged early on all sides for procurement. That we have not succeeded in disencumbering the Honorable Company of such a burdensome post as the factory at Coedeloer, we have already communicated by separate missive to Your High Excellencies dated 6 March 1768, and that through the English ministry at Madraspatnam the decision of this matter had been referred to the superiors on both sides. We have always applied ourselves in earnest to reducing the debts of the merchants, and success has also been achieved in that regard, as the successively transmitted memoranda demonstrate. The requested returns of the 150 pieces of superfine betilles and of the 4,500 pieces of chintzes that were brought here in the past year are enclosed herewith, as well as a memorandum of the proceeds of the Coromandel linens that were sold in 1768 and 1769 by the respective chambers, and of which, as shown by what was mentioned in our missive of 25 October 1769, we have allocated three percent to the ministers and chiefs of the linen-producing offices. For the rest, regarding what further concerns the collection of linens, we refer to the demand for returns now departing, and shall await the outcome of the measures that the ministers have taken in accordance with Your Excellencies' authorization to completely dismantle the factory at Coedeloer and relieve the company of that unnecessary burdensome post. With regard to the arrears of the merchants, it was pleasing to us to be able to perceive from the ministers' direct advices of 8 January 1769 that, except for the arrears of the Bimilipatnam merchants, whereof
Dutch transcription
Agtbaare sulx bij onse eerbiedige geleijde Letteren, onser dato 3. September J„o Leeden, soo wij ver„ trouwen reeds gebleeken sal wee„ sen, waaraan wij ons ook met Eerbied gedragen, omtrent de teegens spoedige reijse van ba„ tavia dit heen, en daar door veroorsaakte Late opdaging van dien kiel alhier, mitsg:s door deselve gederangeerde schickin„ gen van wel meld. s Edele, Hooge Indiase Regeering ten belan„ ge van dien bodem, ende over„ haasting, waar meede men hier alles heeft moeten in het werk stellen; ten eijnde dien kiel op den door welm: Haar Hoog Ed:s bepaalden dag van den 25. 7ber: de reijse naar de Caab te doen onderneemen. len, soo hebben egter de daar toe gemaakte schikkingen geen„ sints beantwoord aan VE. intentie„ het schip Letkerland, het geen VE. medio aug:s hadden terug ge„ wagt, is soo laat opgedaagd, dat er maar eeven tijd is geweest, de aangebragte Lijwaaten in de reeds zeijlvaardig Leggende schee„ pen te kunnen aflaaden, sonder dat die kleeden voor den afscheep besigtigd hebben kunnen werden; En Tulpenburg eerst na het ver„ treek van die scheepen aangeko„ men zijnde, is daar door met op„ sigte tot de Lading van dat schip Vw oogmerk ten eenemaal vereij„ delt geworden. De Laate terugkomst van die scheepen is egter niet te wijten dan versuijm of verkeerde di„ rectie der Cormandelsche minis„ ters, maar het schijnt, dat on„ aangesien VE. betragting en hunne 47 hunne meede werking nogthans niet kunnen werden voorge„ komen de hindernissen, die 't bedoelde oogmerk telkens vereij„ delen Intusschen Streckt het agter gebleeven schip Neijenburg tot een nader, dog smertelijk be„ wijs van het meerder gevaar; waar aan de scheepen van de tweede besending zijn bloot ge„ steld, En dewijl de ondervinding heeft getoond, dat den uijtslag van de middelen, welke tot hier toe sijn in het werk gesteld, om de Cormandelse Rethouren van dat meerder gevaar te bevrijden, soo wisselvallig is, dat daar op met geene de minste seekerheijd kan werden staat gemaakt, is het ten uijtterste nodig, daar teegens door andere schikkingen te voorsien. wij twijffelen ook niet, of VE. sullen van de noodsaakelijkheijd volkomen zijn overtuijgd, en derhalven 2 derhalven ook bereijds de noodi„ ge schikkingen hebben gemaakt, om de Cormandelsche Lijwaaten direct naar Nederland te doen versenden; dog indien teegens onse verwagting, VE. daar toe nog niet mogten hebben beslooten sullen VE: sonder uijtstel sulx moeten doen, alsoo er geen twijf„ fel is, of de Cormandelse Minis„ ters sullen in staat zijn, om ter bekwaamer tijd een wel be„ laaden schip na Nederland te kunnen depecheeren. Wij betuijgen inmiddels ons genoegen over de meerderen in„ saam van Lijwaaten geduuren„ de het Iaar 176 2/8, maar ons geflatteerd hebbende, dat de in„ koops prijsen souden zijn ver„ mindert geworden, hebben wij met des te meerder Leedweesen vernoomen, dat de Ministers, om aan VE. nadrukkelijke or„ ore te kunnen voldoen genood„ het is reeds bedeeld, dat de op ordre gecondescendeerde prijs„ verhooging weder ingetrocken is, Excepto te Bimilipatnam en Sadras, daar de Cooplieden uijt hoovde van haare schul„ den aan de E: Comp.: e halster„ rig blijven en niet willen re„ solveeren, in een prijs ver„ mindering te Consenteeren, dog als haare schulden eens vereffent sijn, sullende mar„ chandeurs, van Bimilipat. n wel saakt 477 wel te noodsaaken sijn, om voor de vroegen prijsen Lij„ waaten te leveren. 83 saakt sijn geweest voor som„ mige soorten nog hooger prijsen te besteeden, wat het gevolg van die hooge prijsen eijndelijk sal sijn, is ligt te voorsien, en wij verwagten, dat, soo daar omtrend geene verandering ten goede kan werden bewerkt, VE. verpligt sullen sijn, haare Eijsschen te bepaalen tot het geen voor eijge gerief en nood„ saakelijke versending niet te ontbeeren is. De versogte rendementen van de 150. p. s Supra fijne bethilles, en van de 4500. p. s Chit„ sen, die in het voorleeden Jaar alhier zijn aangebragt, gaan hierneevens , als meede een me„ morie van 't provenu der Cor„ mandelse Lijwaaten, die in 1768 en 1769 bij de respective kameren sijn verkogt, en waar van wij blijkens 't ver„ melde bij onse missive van 25. 8ber: noodi„ die Eijsch in quanti- en quali„ teijd te voldoen, sal onse be„ „tragting sijn, en is dierhalven allerweegen ter besorging vroeg tijdig opgedragen. Dat niet geslaagd sijn, in de E. Comp. te debarasseeren, van sodanig een last post, als de factorij te Coedeloer is, hebben reeds bedeeld bij apparte missive aan haar Hoog Edelens sub dato 6. Maart 1768. , en dat door het Engels ministerium te Madraspatnam, de decisie deeser saake aan de wedersijdse superio„ ren was gerenvoijeerd. Met Ernst hebben ons altoos toe„ gelegd tot het doen verminderen van de schulden der Cooplieden, en is daar omtrent ook wel ge„ reuseert, gelijk de successive overgesondene memorien sulx aanthoonen. 8ber: 1769. drie p„r C„to aan de Ministers en opperhoofden der Lijwaat geevende Comptoiren hebben toegelegd. Voor't overige gedraagen wij ons nopens het geen de insaa„ meling der Lijwaaden verder. Concerneerd aan de thans af„ gaande Eijsch van rethouren, en sullen afwagten den uijtslag van de maatreegelen, die de ministers hebben genoomen, om ingevolge VE. qualificatie de factorij te Coedeloer geheel op„ te breeken, en de maatschappij van de onnodige Lastpost te Met opsigte tot de agterstal„ len der Cooplieden was het ons aangenaam uijt de Ministers directe advisen van den 8' Januarij 1769 te mogen ont„ waaren, dat uijtgesondert het agterstal van de Bimili„ patnamse Cooplieden /:waar ontheffen. van
English
to to 233 the interest of the Honorable Company makes us exercise all possible indulgence with the merchants, who otherwise do not merit it. 478 of which no report had arrived: the remaining debts as of the last of August 1768 had decreased by f 149897:13:-. We are also satisfied with the further order and regulation regarding the acceptance of linens, which will be sent to Batavia on account of the suppliers, and we must furthermore assume that in order to secure the debts of the Porto Novo merchants it was absolutely necessary to depart from those regulations and orders, since it can only be accepted out of consideration that the ministers accepted the rejections from the aforementioned merchants, consisting of blue linens of defective lengths and widths with a small advance of 25 percent. but that is also proposed to the benefit of the Honorable Company. However gladly we would wish to see the settlement of the debts of the Sadraspatnam merchants, we nevertheless cannot enter into the proposal to make an extraordinary demand of Wentepalium linens to accommodate those suppliers, leaving it to Your Excellencies to make such use thereof with regard to Indian consumption as Your Excellencies shall deem proper. The sale of merchandise was fairly successful in 1768, but the Company's sugar seems to find little market on this Coast, and it therefore surprised us that, since the ministers state in more than one place in their letters that the sugar is virtually unsaleable and their remaining stock That which is noted in the margin of the extract from Your High Noble and Most Honorable esteemed missive written under the date 28 September 1768, and inserted in the letters from Coromandel of 20 December 1769, we believe can also serve sufficiently to answer the adjacent article concerning the sugar, to which is also added that the Company's sugar commonly stock 27 657 commonly finds its market first in the autumn and spring, when no Company ships are to be expected from Batavia, nor any private vessels that can bring sugar, just as one then knows for certain at that time, namely when the demand is dispatched to India's Capital, whether there is much or little sugar remaining along this entire Coast, and according to which one can then also calmly regulate the demand 479 and rely on having disposed of one's stock before the arrival of what is newly demanded, just as that remainder was also sold with an advance of 46 percent on the candy and 44 3/16 on the powder sugar; we always add sugar to our demand if cargo space permits it, it being quite certain that Their High Nobles will not send any of that sweetness to Coromandel, where the advances are low, if They know of a better outlet for it, and the well-being of the colonists does not make the shipment necessary. Your Excellencies will undoubtedly have disposed further thereof. They took very good care to observe the order to sell the oldest goods first; concerning the cloves mentioned alongside, such could not take place, because they had been poured Your Excellencies will surely also have remarked that on the memorandum of remainders inserted in the ministers' often-mentioned letter of 18 December second sort being able to be disposed of stock of both sorts as of 18 December 1768 was fairly large, they nonetheless in their demand for the following year requested 150000 lb of the first, and 300000 lb of the The vermilion and the quicksilver there also not being well at 1768 and 21 among the nutmegs, in order to preserve the same as much as possible from mites, and it would not have been economical to take that fruit, being subject to no decay, out of the chests again, while besides that one still had cloves separately in chests on hand for sale. In the yields of the minted gold not the slightest error was committed; everything is well calculated, and with the utmost precision 1768 were found 11589 lb of cloves, which had been brought there in 1762, 1763, and 1764; we also cite this only as an example of how little care seems to have been taken at this office to sell the oldest goods first, and how useful and necessary has been the further order which Your Excellencies have issued regarding the reporting of remainders. We praise, on the other hand, the attentiveness of the ministers to prevent the irregularities that took place in the selling of the Company's trade goods, but we recommend that they at the same time take care that the yields that are sent to us treated sent etc.
Dutch transcription
te te 233 het intrest van de E: Comp:e doet ons alle mogelijke inschickelijkheijd gebruijken met de Cooplieden, die het anders niet meriteeren. 478 van geen berigt was inkoomen: de overige schulden onder ult„o aug„s 1768. met ƒ149897:13:—: ver„ mindert waren geworden. Wij Laten ons ook wel gevallen de nadere ordre en bepaaling op het accepteeren van Lijwaa„ ten, die voor reekening van de Leveranciers, naar Batavia sullen werden versonden, en moe„ ten voorts onderstellen, dat ter inpalming van de schulden der Portonovose Cooplieden absolut noodsaakelijk is geweest van die bepaalingen ordres afte„ gaan, dewijl alleen uijt de Con„ sideratie kan werden gepas„ seert, dat de ministers van voorsijde Cooplieden hebben geac„ cepteerd hunne uijtschotten bestaande in blaauwe Lijwaa„ „ten van gebreckige Lengtens en breetens met een gering avans Cto van 25. p„r maar e de E: Comp:e geproponeerd. dat is almeede ten nutte van Maar hoe gaarne wij ook souden sien de vereevening van de schulden der sadraspat„ namse Cooplieden, kunnen wij egter niet treeden in het voor„ stel om ter gemoedkooming van die Leveranciers een Extra ordinairen Eijsch van Wentepaliumse Lijwaaten te doen, Laatende aan VE. oversom daar van met betrecking tot den Indischen sleet soda„ nig gebruijk te maaken, als— VE. sullen oordeelen te behooren De Verthier van Coopman„ schappen is in 176 /s vrij wel geslaagt, dog de suijker van de Comp. s schijnt op deese Cust weij„ „nig debiet te vinden, en het heeft ons derhalven verwondert, dat daar de ministers bij hunne brieven op meer dan eene plaats seggen, dat de suijker genoeg„ saam invendibel en hun res„ Het geen genoteerd is in mar„ gine op het Extract uijt Uw hoog Edele, Hoog agtbare gevenereer„ de missive onder d„o 28. 7ber. 1768. geschreeven, en bij lette„ ren van Cormandel van den 20. december 1769. geinsereerd, ver„ meenen wij, dat almeede voldoen„ de dienen kan, ter beantwoor„ ding van het bij sijden staande articul over de suijker, daar men nog bijvoegd, dat 'sComp:s suijker gemeenlijk tant 27 657 gemeenlijk eerst haar debet vind in het na en voor Jaar, wanneer er geen Comp:s scheepen van Bata„ via te wagten sijn, ook geen par„ ticuliere, die suijker kunnen aan„ brengen, gelijk men dan op die tijd, te weeten als den Eijsch na Indias Hoofdplaats afgaat voor seeker weet, off er veel, off weijnig suijker langs deese geheele Custe per restant is, en waar na men dan ook gerust, den Eijsch kan inrig„ 479 ten en staat maaken, dat men sijn geset, sullen VE. buijten twijfel restanten voor de komst van het op nieuw g'eijschte sal omgeset heb„ daar over nader hebben gedis„ ben, gelijk dan ook dat restant poneerd. nog met een advans van 46. p„r C„to op de Candij en 44 3/16 op de poeder suijker verkogt is; wij voegen altoos bij onsen Eijsch van suijker als de scheepsruijmte het permitteerd, sijnde het wel seeker, dat haar Hoog Edelens van die soetigheijd niet na Cormandel sullen senden, /: daar de avancen gering sijn:/ als Hoogst deselve er een beter uijtweg meede weeten, en het wel sijn van de Colonisten de versending niet noodsaakelijk maakt. Men heeft seer wel in agt ge„ nomen de ordre, om de oudste goederen eerst te verkopen, om„ trent de besijden gemelde Na„ gulen, kan sulx geen plaats hebben, want se waren gestort VE. Zullen seekerlijk ook hebben geremarqueerd, dat op de memorie van restanten ge„ insereert in der ministers meergem: brief van 18' decembr „ tweede soort van de hand kunnende werden tant van beijde soorten onder 18. december 1768. vrij groot was, sij des onaangesien bij hunnen Eijsch voor 't volgende Iaar hebben gevraagd. 150000. lb. van de Eerste, en 300000. „ Het vermiljoen en het quik„ silver aldaar meede niet wel bij 1768 en „ 21 bij de noten, om deselve voor het vermeijteren, soo veel mo„ gelijk, te preserveeren, en het soude geen monage ge„ weest sijn, die vrugt als geen bederff onderworpen, uijt de kisten weder te halen, terwijl men buijten dien nog nagu„ len afsonderlijk in kisten ter verkoop aan handen had„ de. bij de rendementen van het vermunt goud is geen het minste abuijs begaan, alles is wel bereekend, en met de uijtterste precisheijd 1768 werden gevonden 11589. H. nagelen, die in 1762. 1763. en 1764 aldaar sijn aange„ bragt geweest; wij haalen dit ook maar alleen aan, als een blijk, hoewijnig men ten desen Comptoire in regt schijnt te hebben genoomen, om de vied„ ste goederen het eerst van de setten hand te Aaen, en hoe nuttig en noodsaakelijk is geweest de nadere ordre, die VE. no„ pens de opgave der restanten hebben gesteld. Wij Laudeeren daar tee„ gens de oplettenheijd van de ministers, om voor te komen de Orregulariteijten, die in het verkoopen van 's Comp s handelwhaaren hebben plaats gehad, dog wij recomman„ deeren hun teffens sorge te dragen, dat de rendemen„ ten, die aan ons werden toe„ getrecteerd gesonden ec
English
Although it is the truth that treated, but that those returns were poorly copied in the letters, is a negligence of the secretariat clerks and collators, which persons, upon Your Right Honorables' just reproach, have asked and received excuse, to be more attentive in the future. sent informs with the required accuracy and are transmitted in their letters, because therein from time to time miscalculations and errors occur, which ought not to have a place in returns, above all not in those of the minted gold, where precision is so necessary, than which however has in no way been observed in the delivery of the mintings inserted in the ministers' letters of 6 March and 31 August 1768; for thereby the gain or loss on some parcels was set too high and on others too low, while for some entries the percentages were not extracted and for many the profit obtained thereon was noted as a loss. To that same reproachable inattention of the clerks we must attribute that in the ministers' letter to us of December 1768, though the date of which has not been filled in, it was stated that the gold which they have received from Europe for some years in succession was not higher than 20 carats, whereas nevertheless the gold sent from here was of 20 carats 6 grains, and the same upon receipt was also found to be of that fineness. For the rest, we still judge it to be better, for the minting of the new Nagapatnam pagodas, to send gold of the fineness of those pagodas, and accordingly adhere to what we have said in our missive of 14 October 1768 in that respect. Your Right Honorables have sent gold of 20½ carats, and we wrote in our letter of 18 December 1768 that the gold received from Europe for some years in succession had not been higher than 20 carats; this, however, under favorable interpretation, is not to be attributed to so great an inattention, for Your Right Honorables will please consider that in the mentioned letter gold of 21 to 22 carats was requested, so that it would be suitable for the striking of three-image pagodas, which assay at 20 carats 8 2/5 grains; and thus the gold of 20½ carats was as little sufficient for that as of 20 carats, which is why, merely by way of statement, we let the fraction of ½ carat go and took the whole of 20 carats, and clearly showed that the gold sent was not sufficient for the intended purpose, but that gold of 20 carats 8 2/5 grains was required for it. Our request here was not for gold for the minting of new Nagapatnam pagodas, but rather for the three-image pagodas, wherefore we still take the liberty to show Your Right Honorables that just as the gold currently sent out of 18 carats 5½ grains is advantageous for the new Nagapatnam coinage, the gold of 20 carats 8 2/5 grains will be no less so for the three-image pagodas; just as it will be equally profitable in case Your Right Honorables might please to add to the aforementioned required gold for three-image pagodas another 1000 marks of gold of 15 carats for the fanam mint here, because the loss in that minting, which has now been brought down from 6 to 7 percent to 2 3/16 per hundred, will then fall somewhat lower, and this is also the utmost to which one has been able to bring it. With the vessels from the opposite shore, no cloves have been brought again this year. Where the English and native traffickers obtain those spices has already been communicated previously, namely from Queda and Atchin, where that fruit is brought by sea by Malays and such kind of smugglers. The supply of nutmegs and mace by private individuals seems to have had no further consequence, but since the smuggling in cloves still continues, we hope that the devised measures to prevent that harmful trade will finally have the desired effect, and since it is of the utmost necessity that Your Honors be informed as much as possible where and in what manner the English obtain those spices, we also expect that the ministers will leave no means untried to obtain the most reliable reports concerning this. Concerning further the proposal made by Governor Haksteen in his separate letter of 6 March 1768 with regard to the sale of nutmegs, we judge that, for various reasons, it would not be advisable to proceed thereto. Under the article of equipage goods, the price of coir yarn at 16 pagodas per bahar of 480 pounds also appeared so excessive to us that it surprises us that the ministers have not thought of their own accord to request their requirement from the ministers on Ceylon or Malabar, where that kind of yarn can be obtained at incomparably lower rates. The high price to which coir sometimes rises on this Coast has also caused us to have recourse to the ministers on Ceylon, who have assisted this Government upon requisition from here with 97523 pounds, on the occasion that the ship Vlietlust was sent from the last-mentioned Government to fetch freestone masonry from Sadras; but since such an opportunity does not often occur, and Your Right Honorables are pleased to say that
Dutch transcription
2 Schoon het de waarheijd is, dat getracteerd, maar dat die rende„ gesonden met de vereijsschte menten bij de brieven qualijk ge„ Exacitude informeert en in hun„ cossieerd sijn, is een negligentie ne brieven overgebragt werden, van de secretarij bediendens en alsoo daarinne van tijd tot Collationisten, welke persoonen ^reproche tijd voorkomen mistellingen op Haar Hoog Edelens billijke„ excuus versogt en aangenoo„ en erreuren, die in rendemen„ men hebben, in het vervolg aiten„ ten niet behooren, plaats te ter te sijn. hebben, voor al niet in die van het vermunte goud, daar de pre„ ciesheijd soo noodsaakelijk is, dan welke egter geensints be„ tragt is in de overgave der ver„ muntingen geinsereerd in de Ministers brieven van 6: maart en 31. ' aug„s 1768. — want daar bij werd het avans of verlies op sommige parthijen te hoog en op andere te zaag gesteld, terwijl van eenige posten de p„r C=to niet sijn uijtgetrocken en bij veele de daar op behaalde winst als verlies is genoteerd. Aan die selve reprochabele in attentie der bediendens moeten wij toeschrijven, dat in der mi„ uw Hoog Edele, Hoog Agtbare „gesonden hebben goud van 20½ Caraat, en wij bij onsen briev 480 van nisters van den 18. ' decemb„r 1768. schree„ nisters briev aan ons van decemb: ven, dat het goud nu eenige Ja„ 1768 /: dog waarvan den datum ren agter den anderen uijt Eu„ niet is ingevuld :/ gesegd werd, ropa gekreegen, niet hooger was dat het goud het geen sij eenige geweest als van 20. Car=t is dat dog onder gunstige welduijding Jaren agter den anderen aan een soo groote inattentie uijt Europa gekreegen hebben, niet toeteschrijven, want ouw niet hooger is, dan 20. Caraaten, Hoog. Edele, Hoog agtbare ge„ daar nog thans het van hier lieven te Considereeren, dat bij gemelde brief versogt wierd gesonden goud is geweest van goud van 21. â 22. Caraat, 20. Caraat 6. Grijn, en het op dat Capabel soude weesen tot selve bij den ontfangst ook het slaan van driebeeldige pa„ gooden, welke Essaijeeren 20. van dat gehalte is bevonden. 8 2/5. ; en dus was het goud van Voor 't overige oordeelen 20½ Caraat soo min daar toe— wij als nog beter te sijn, om voldoende, als van 20. Cart, waa„ rom dan maar stellender wijse tot het munten van de nieuwe de gebrooken van ½. Caraat heb„ Nagapatnamse pagooden te ben laten varen, en het geheel senden goud van het gehalte van 20. Caraat genomen en klaar aangethoond, dat het gesondene dier pagooden en gedragen ons goud tot het bedoelde oogmerk dien volgende aan het geen wij niet voldoende was, maar daar toe gerequireerd wierd goud. bij onse missive van 14. Octob„r van 20: Caraat, 8 2/5 grijn, ons 1768. op dat Respect hebben versoek was hier niet om goud gesegd. tot het munten van nieuwe Na„ gapatnamse, maar wel voor de driebeeldige pagood:s, alwaaromme als nog de vrijheijd neemen, uw Hoog Edele, Hoog agtbare te verthoo„ nen, dat soo wel als het goud, dat thans uijtgesonden werd, van 18. Car=t 5½ grijn voordeelig is tot de nieuwe nagap:s munt; het goud van 20. Caraat 41 9 9o Cavacat P. k grijn niet minder sal weesen voor de driebeeldige pagood:, gelijk even soo profijtelijk sal weesen ingevalle uw Hoog Edele, Hoog agtbare behaagen konde, om bij het voormeld gerequireerd goud, voor driebeeldige pagooden nog 1000 marg goud van 15. Caxaat te voegen, voor de fanums munterij alhier, alsoo het verlies bij die vermunting dan, dat van 6. â 7 p„r C„to thans op 2 3/16 ten honderd gebragt is, eenigsints minder sal vallen, en dit is ook het uijtterste, waartoe men het selve heeft kunnen brengen Met de vaartuijgen van de over„ wal sijner deesen Jare weeder geen nagulen aangebragt. Waar de Engelsen en Jnlaendse traffiquanten die specerijen be„ magtigen, is al bevoorens bedeeld, namentlijk van Gueda en At„ chim, alwaar die vrugt door maleijers en sulk soort van- Smotkelaars ter see werd ge„ bragt. De aanbreng van nooten en foelij door particulieren schijnt van geen verder ge„ volg te sijn geweest, maar de Sluijkerijen in Nagulen, als nog blijvende Continueeren, hoopen wij, dat de beraamde middelen, om die schadelijken handel te beletten, eijndelijk van het gewenschte effect sul„ len zijn, en vermits ten uijt„ terste noodsaakelijk is, dat VE:, soo veel mogelijk, gein„ formeerd werden, maar ter plaatse en op wat wijse de e Engelschen die specerijen, be magtigen, soo verwagten wij ook, dat de minister en geene de middelen 481 middelen onbesogt sullen laaten; om desweegens de zeekerste be„ rigten te bekoomen. Belangende voorts de propo„ sitie door den heer Gouverneur Haksteen bij sijne apparte briev van 6. maart 1768. gedaan met betretking tot den verkoop van Nooten, oordeelen wij, dat, om verscheijde reedenen niet raad„ saam zoude zijn, daar toe over te gaan. Onder 't artikel van Equi¬ pagie goederen is ons de prijs van het Caijerdraad tot 16. pa„ gooden de bhaar van 480. pond meede zoo Excessief voor„ gekoomen, dat het ons verwon„ dert, dat de ministers niet uijt hun zelve bedagt zijn ge„ weest, hunne benodigtheijd te vragen van de ministers op Ceijlon of de Mallabaar, al„ d waar dat Zoort van draad tot De hooge Prijs, waarop som„ tijds de kaijer te deeser Custe steijgert, heeft ons ook al re„ cours doen neemen tot de mi„ nisters op Ceijlon, dewelke dit Gouvernement op de vordering van hier met 97523. lb: por„ den hebben geadsisteerd, bij occa„ sie, dat het schip Vlietlust van laastgemelde Gouvernemt gesonden wierd, om van sacras arduijne steenwerken afteha„ len, dan dewijl sodanige gelee„ gendheijd niet dikwils voor„ komt, en uw Hoog Edele, Hoog Agtbare gelieven te seggen, dat ongelijk
English
that no express vessel had to be employed for this purpose, the economy in that respect can only rarely be observed, which, according to our precise knowledge, has not been neglected by us, and neither with regard to the sloops and vessels; nevertheless, it is impossible to manage with the amount fixed in the memorandum of economy, the reasons for which are that along this coast, where one mostly has to work against the wind, the sails, the running rigging, anchors, and anchor ropes suffer a great deal, that continuous repairs to five sloops and two thonijs are required, and furthermore that the necessities entered for this purpose were truly supplied and paid for. can be obtained at a far lower price, provided that no express vessel is employed for this purpose, but that an available shipping opportunity is made use of. While Your Honours have been satisfied with the accountability of the Master Attendant Cornelis de Vos concerning the expenses incurred on the vessels belonging there during the year 1765/6 to the amount of ƒ 44565. 8. 8, and Your Honours have also passed for write-off the sum of ƒ 31433: 7:— which was brought up for that item in 1768½, we shall acquiesce therein; but since the expenses of the last year, although amounting to ƒ 13132. — less by comparison with the preceding year, nevertheless still amount to more than double the sum at which those expenses are fixed in the memorandum of economy, the same will have to be reduced considerably, or else sufficient reasons must be given why it is impossible to manage with the fixed sum. that difference arises from a greater number of men who were in garrison here in the years 1766 and 1767 than in the following year 1768, when the troops requested and received from Ceylon on account of the troubles on this Coast had already all been sent to Batavia in obedience to orders, and also that the shipment of grain to the subordinate, even the northernmost factory, is greater at one time than at other times, according to which a calculation was made for the best. It would certainly be a detrimental remark, indeed an ill-considered negligence, if we, with such a considerable quantity of paddy, had sat idle and sought no outlet; from the letters exchanged with Colombo and Jaffanapatnam, and specifically from our resolutions of 28 November and 17 December 1768, 10 January, 22 May, 17 and 26 June 1769, it will appear to Your Right Honourable, Highly Esteemed, that after having offered Ceylon in vain the grains purchased mostly for that Government, the same were further sold in such a manner that the Honourable Company suffered no loss, and in 1769 no more remained in balance than 860 lasts. What the Bengal ministers have written, that in 1768 there was also a great scarcity on Coromandel, refers to Northern Coromandel and particularly Bimilipatnam, but here around the South the paddy has remained at a reasonable price during the last five years. As it is said in the Ministers' letter of 18 December 1768 that their stock of grain, which as of ultimo November had consisted of 3467 lasts, was sufficient for circa seven years, the Ministers will have to elucidate how this is to be reconciled with their letter of 28 December 1767, whereby the quantity of 3498 lasts was judged sufficient for three to four years. Yet it is of far greater remark that of that seven-year stock, the collection of which was partly attributed to the laudable aim of being able to assist Ceylon in case of need, no use was made at a time when the scarcity of that food in the said Government was so great that Your Honours, on that account, deemed it necessary to write to the ministers in Bengal to purchase two shiploads thereof, even if it were at the price of 50 rixdollars the last. And since it appears from the decisions of the Bengal Ministers of 4 and 9 February 1768 that at that time there was also a great scarcity of grain on the Coast of Coromandel, the ministers of this Government will have to inform us of the truth thereof, and for what reason they did not send at least some part of that unneeded grain, which is subject to spoilage, to Ceylon, or otherwise dispose of it on the Coast itself. With regard to the Native Affairs, it is pleasing to us that the contract with the Vizianagaram Princes concerning the lease of Bimilipatnam and its dependencies has finally been concluded, and we are also of the opinion that the Company, with the public leasing of the rights at Bimilipatnam, will find its account much better than it has done hitherto with the collection of those revenues. Among the transactions with foreign nations, the principal one is the sale of the lodge at Masulipatnam to the English, which we must consider as a settled matter. The English did not desire to take over the dilapidated lodge of Masulipatnam without the renunciation of the privileges, pre-eminences, etc., to prevent disputes, for otherwise, even though the lodge had been transferred, yet
Dutch transcription
93 9 75 dat daar toe geen expres vaar„ tuijg moest werden aangelegd, kan daar omtrent niet als seld„ saam de menage betragt wer„ den, die na gehoude niste door ons niet is genegligeerd. — en ook niet omtrent de Chia„ loupen en vaartuijgen, nogthans is het met de bepaalde somma bij de memorie van menage niet te stellen, de reedenen daar van sijn, dat langs deese Custe, daar meest teegens de wind moet op„ gewerkt werden, de seijlen, het loopend tuijg, ankers en anker touwen veel te Lijden hebben, dat er een Continueele reparatie aan vijf Chialoupen en twee tho„ „nijs werd vereijscht, mitsgaders, dat de daar voor opgebragte be„ nodigtheeden waarlijk verstrekt en betaald werden. ongelijk minder prijs te krij„ gen is, mits dat daar toe geen expres vaartuijg aangelegd, maar een voorkoomende scheeps geleegendheijd waargenomen Terwijl VE. sig voldaan heb„ ben gehouden met de verant„ woording van den Equipagie„ meester Cornelis de Vos wegens de gedaane ongelden aan de aldaar thuijs hoorende vaar„ tuijgen, geduurende het Jaar 176 5/6 ten bedraagen van ƒ 44565. 8. 8. En VE. meede ter afschrijving hebben gepas„ seert de somma van ƒ31433: 7:—: welke voor die post in 1768½. is opgebragt, sullen wij daar in berusten, maar aangesien de ongelden van het Laaste Jaar schoon bij vergelijking van het voorgaande ƒ 13132. — minder beloopende, egter nog bedraa„ gen meer als het dubbeld vande werde. som 482 dat different komt voort uijt een meerder getal van man„ schappen, dewelke in het Jaar 1766. en 1767. alhier in Quar„ nisven waren, als in het vol„ gende Iaar 1768. wanneer de van Ceijlon om dewille van de troubles te deeser Custe ver„ sogte en bekomene manschap„ pen, reeds alle ter obedientie van de ordre na Batavia ver„ sonden waren, en ook, dat de versending van graanen nade onderhoorige selvs het noordelijkste Comptoir de eene tijd meerder is, als op andere tijden, waar na ten runsten een Caluulatie gemaakt. werd. Het soude seekerlijk van nadee„ lige Remarque, Ja een onbeson„ ne verwaarloosing sijn, indien wij met een soo Considerabel quan„ som, waar op die ongelden bij de memorie van menage sijn bepaald, sullen deselve vrij wat vermindert dienen te wer„ den of anders voldoende reeden gegeeven, waarom het met de bepaalde Som niet te stellen is. In der Ministers brief van den 18. ' december 1768. gesegt werdende, dat hunne voorraad van graanen, die onder ult„o Nov„r had bestaan in 3467. Lasten toerijkende was voor Circa Zeeven Jaren, sullen de Ministers moeten Elucideeren, hoe sulx is over een te brengen met hunne brief van 28. decem 1767. waar bij de quantiteijt van 3498. Lasten, waar voor drie à vier Jaren voldoende werd geoordeeld. Dog het is van vrij meerder Remarque, dat van die seeven Jaarige voorraad, welkers ver„ sameling ten deele werd toege„ titeijt schreeven - - 95 titeijt nelij hadden stilgeseten, en geen uijtweg gesogt; de met Colom„ bo en Iaffanap:s gewisselde brie„ ven, en speciaal bij onse resolutie van den 28. ' Nov. r en 17. decem r 1768. 10. Jan. 22' Meij, 17 en 26 ' Junij 1769. sal het uw Hoog Edele, Hoog Agtb. blijken, dat na te vergeeffs Ceijlon de meest voor dat Gouvern„r ingekoogte Graanen te hebben aangepresenteerd, deselve wijders sodanig verkogt sijn, dat de E. Comp. e buijten schade, en er in 1769. niet meer per restant is gebleeven als 860. Lasten. Het geen de Bengaalsche minis„ ters geschreeven hebben, dat er in 1768. meede een groote schaarsheijd op Cormandel is geweest, siet op Noorder Cormandel en insonderheijd Bimilipatnam, maar hier om de Suijd is geduurende de laaste vijf Jaren de Nelij of een reedelijke prijs gebleeven. schreeven aan het loffelijk oog„ merk om Ceijlon, in Cas van nood te kunnen adsisteeren, geen gebruijk is gemaakt op een tijd, dat de schaarsheijd van dat voedsel in het gemelde Gouvernement soo groot was, dat VE. uijt dien hoofde, noo„ dig hebben geoordeeld de minis„ ters in Bengale aanteschrij„ ven, daar van twee scheepslaa„ dingen intekoopen, al was— het tot de prijs van 50 Rijxd=s het Laste En nadien bij de besluijten der Bengulsche Ministers van den 4, en 9. ' febr. 1768. voor„ komt, dat ter dier tijd meede„ op de Cust van Cormandel groo„ te schaarsheijd van graanen is geweest, sullen de ministers van dit Gouvernement ons moeten informeeren, wat daar van Zij, en om wat reeden sij van dat onbenoodigde en bederf - bederf Subject zijnde graan, niet ten minste, eenig gedeelte naar Ceijlon hebben gesonden, of anders op de Custe selve van de hand hebben geset. Met betrekking tot de In„ Landlsche Zaaken is 't ons aan„ genaam, dat het Contract met de Visiagaramse Princen over de pagt van Bimilipetnam en diet onderhoorigheeden Eijn„ delijk is geslooten, En wij sijn C meede van begrip, dat de Comp. e bij de publicque verpagting der geregtigheeden te Bimilipatnam haare Reekening veel beter sal vinden, als zij tot hier toe bij de Collecte dier middelen heeft gedaan. e Onder het verhandelde met de vreemde natien is het voor„ naamste de verkoop van de Logie te Mazulipatnam aan de Engelsen, die wij als een ge„ daane saak moeten aanmerken, De Engelsen begeerden de ver„ vallene Legie van Masulip=m niet overteneemen, sonder dat gerenuncieerd wierd van de pri„ vilegien, preëminentien &c. tot voorkoming van disputen, want wij anders schoon de Logie get„ 483 ransporteerd dog
English
9 7 37 was transported, had been able to buy a house or plot of land from one of the inhabitants within that city, and assert our privileges there; we have thus rather chosen to renounce useless privileges, in the present state of affairs, than to burden the Honorable Company any longer with that nuisance. Yet we have seen, not without surprise, that in that sale there was also renounced all preeminences, regalia, and privileges, also named, granted to the Dutch Company by the successive Princes, Nabobs, and lesser Rulers; for although those prerogatives in the present state of affairs would be of no use to the Company, it was nevertheless not advisable to expressly renounce them. It has already been shown in previous writings that as long as the English or French are in possession of Masulipatnam, that place is of no use to us, and should they abandon it, the Moorish Government would immediately invite us to establish a factory there again, since the Dutch Company is favored above all nations by the Moors; yet it would then still be a matter of deliberation whether it would be advisable to settle down again in that city, for the same trade that we previously conducted there, both regarding collection and sales, is carried out at Jaggernaikpoeram with less expense, and in both those neighboring places simultaneously, such an opulent collection and trade cannot take place. We have further learned with pleasure that the English have had to abandon the project to demand a toll of Proceedings have been taken against the deserter Sutton as usual, and the Honorable Company suffered no disadvantage from his desertion. 484 of four per cent on all white piece goods; and we wish that such harmful projects will not be brought up again. Regarding the offensive conduct and shameful desertion of the bookkeeper and Cuddalore Resident, E. Sutton, we deem it unnecessary to declare ourselves in detail, assuming as certain that proceedings will have been taken against him, as is proper. 6d And in order not to bring up again that unpleasant and most distressing subject dealt with in our separate missive to Your Honor of 5 October 1767, we shall not enter into any special discussion of the contents of the separate letters that Your Honor on 21 October and Governor Haksteen on 30 August wrote to us, 99 1 wrote, but only observe thereon that since it is testified, both by the Governor General in particular and by every one of the gentlemen members of our Assembly, that none of them had any knowledge of the misconduct of the former Coromandel Governor Christiaan van Teijlingen before, along with, and after the receipt of the complaint of Pauw Ide Naijker, we must now assume as certain what we previously considered virtually incredible, namely that at the Company's outstations there can take place for a long time in succession such far-reaching vexations, extortions, and acts of violence as 44 e were committed by the aforementioned Christiaan van van Teijlingen on Coromandel, without the Political or Judicial Council being able to resist them effectively, and without such crying misconduct coming to your knowledge; but that being true, what conception must we form of the form of government at the outstations, where a supreme commander, when he is not restrained by the bonds of oath and duty, is capable Of disposing of the Company's money and goods at his pleasure; Of extorting money from his fellow servants, and of entirely ruining those who do not wish to satisfy his greed or who would want to stand up against his vexations; 485 Of 101 Of driving the inhabitants of the country to the utmost despair through all kinds of vexations, extortions, and acts of violence, and thus utterly ruining the Company's most essential interests, without Your Honor being able to prevent this due to lack of timely information. We judge it unnecessary to insist further on this; the necessity of providing in time against the consequences that may arise from the arbitrary conduct of a dishonorable and faithless Supreme Commander requires no further demonstration; and trusting that Your Honor will agree with us that, however improbable it may be that such a case as that of van Teijlingen will ever exist again, such is nevertheless not absolutely impossible, The orders dispatched to us will be dutifully obeyed. 9 Further Extract dated 15 October 1770. Conforming to our General Missive containing our reply to the letters from all the stations of the Indies, drafted by the Gentlemen Commissioners in The Hague, as well as to our Demand of Returns from the Indies dated 13 October, drawn up by the Gentlemen Commissioners at Amsterdam, and subsequently reviewed, adopted, and sent off herewith in our Assembly, we further transmit to Your Honor herewith the orders and resolutions that we have thought fit 486 impossible, we therefore also expect that Your Honor will be mindful to be able to foresee and prevent the consequences thereof. 6 ƒ in
Dutch transcription
9 7 37 ransporteerd was, binnen die dog wij hebben niet sonder be„ stad een huijs, off Erf van een vreemding gesien, dat bij die van de ingesetenen hadde kun„ nen koopen, en aldaar onse pri„ verkoop teffens is gerenuntieerd vilegien doen gelden, dus hebben geworden van alle pre Eninen„ Liever verkooren van onnutte Regalien en privilegien, Privilegien /: na de teegenswoor„ ook genaamt, door de suc„ dige gesteldheijd van saaken:/ te renuntieeren, als de E Comp. e cessive Vorsten, Nababs en min„ nog al langer met die lastpost dere Regenten, aan de Neder„ te beswaren. Het is reeds bij voorig schrijvens Landsche Compagnie verleend, aangethoond, dat soo lang als de want schoon die voor regten in Engelsen off franschen in de pos¬ sessie van Masulipatnam sijn„ de teegenwoordige gesteldheijd die plaats ons van geen nut is, der saaken de Compagnie en moesten sij deselve verlaten, soude de Moorsche Regeering van geen nut sijn, was het ons al ten eersten inviteeren, - egter niet geraaden, daar van daar weder een factorij opterig„ ten, dewijl de Hollandsche Comp:e expresselijk te renuntieeren. boven alle natien bij de Mooren gesien is, dog het souw dan nog al sijn bedenking hebben, off wel raadsaam soude weesen, ons in die stad weder ter needer te setten, want deselvde handel, die wij daar bevoorens deeden, soo wel omtrent den Jnsaam, als vertier, werden te Jaggernaijk p=m verrigt, met minder onkosten, en op beijde die nabij geleegene plaatsen te gelijk, kan sodanig een opulenten Insaam en vertier, geen plaats hebben. Wij hebben voorts met genoe„ gen vernomen, dat de En„ gels en hebben moeten afsien van het project, om een thol van Teegens den Deserteur Sutton, is na gewoonte geprocedeerd, en de E. Comp. e heeft bij sijn de„ sertie geen nadrel geleeden. — 484 van vier p„r C„to te vorderen van alle witte Lijwaaten; En wij wenschen, dat dier ge„ lijke schadelijke projecten niet 8 „ weeder op de baan sullen wor„ den gebragt. Over het ergerlijk gedrag ende schandelijke desertie van den boekhouder en Coedeloers Resident, E: Sutton eghten wij onnoodig, ons in het besonder te verklaaren, vast stellende dat teegens hem, gelijk het be„ hoord; geprocecteerd sal sijn. 6d En om niet weeder optehaalen, dat onaangenaame en alder ver„ drietigst onderwerp bij onse apparte missive aan VE. van den 5. ' October 1767. verhandelt„ sullen wij niet treeden in eeni„ ge besondere discussie van den inhoud der apparte brieven, die VE. den 21.:' October: en de Heer Gouverneur Haksteen den 30. aug. s aan ons hebben geschreeven 99 1 geschreeven, maar daar op alleen aanmerken, dat ver„ mits soo door den Heer Gou„ verneur Generaal in het bij„ sonder, als door een ijder der Heeren Leeden ouwer Verga„ dering, werd betuijgd, dat niemand hunner iets van 't wangedrag van den geweesen Cormandels Gouverneur Chris¬ tiaan van Teijlingen is te vooren gekoomen, dan met, bij en na den ontfangst van het klagtschrift van Pauw Jde Naijker, wij thans moeten vast stellen, het geen wij te vooren genoegsaam ongeloofbaar hebben gehouden, namentlijk dat op 's Comp. s buijten Comp„ toiren een geruijmen tijd agter den anderen kunnen plaats hebben sodanige ver„ re gaande vexatien, Extor„ tien en geweldenarijen, als 44 e door de voornoemde Christiaan van van Teijlingen op Cormandel sijn gepleegd, sonder dat de politicque off Justitieele Raad sig daar teegens met Effect kan versetten, en sonder dat dus da„ nig schreeuwend wangedrag ter uier kennis komt, maar dat waar sijnde, wat denk„ beeld moeten wij maaken van de Regeerings vorm op de buij„ ten Comptoiren 2 daar een op„ pergebieder, wanneer hij niet word weeder houden door de ban„ den van Eed en pligt, in staat is. Om naar wel gevallen te dis„ poneeren over sComp. s gelden en goederen. Om zijne meede dienaaren geld afte persen, ende geene, die aan sijne schraafsugt niet willen voldoen of teegens zijne vexatien zoude willen opkoomen, geheel te ruineeren, 485 Om 101 Om de ingeseetenen van't Land door allerleij vexatien, Extorsien en geweldenarijen tot de uijtterste wanhoop te brengen, en om dus 's Comp. s alder Essentieelste belangen tot in den grond toe te verder„ ven, sonder dat VE. door ge„ brek van tijdige informatie sulx kunnen beletten; Wij oor„ deelen onnoodig hier op nader aante dringen de noodsaake„ lijkheijd, om in tijds voorsie„ ninge te doen teegens de gevol„ gen, die uijt het willekeurig gedrag van een Eerloos en ontrouw Oppergebieder kunnen ontstaan, vereijscht geen verder betoog; en vertrouwende, dat VE. met ons sullen Considereeren, ook zij dat diergelijk dat, hoe onwaarscheijnlijk ge„ val, als dat van van Teijlingen is geweest, ooijt weeder sal Ex„ teeren, sulx egter niet volstrekt onmoogelijk werden. De ordres aan ons g'expedieerd, 9 sullen schuldpligtig geobedieerd Nader Extract ged.t 15. October 1770. Ons gedragende aan onse ge„ neraale Missive houdende ons antwoord op de brieven van alle de Comptoiren van Indiën door Heeren Commissarissen in 'ssla„ ge ontworpen, gelijk meede aan onsen Eijsch van rethouren uijt Indiën gedateerd 13. october door Heeren Commissarissen te Amsterdam ingesteld, en ver„ volgens in onse Vergadering 486 geresumeerd, gearresteerd en neevens deesen afgaande, soo laaten wij voorts VE. bij deesen toekomen de ordres en resolu„ tien, die wij hebben goedgedagt onmoogelijk is, soo verwagten 6 wij derhalven ook dat VE. ƒ bedogt sullen sijn, om de gevol„ gen van dien te kunnen voor„ komen en beletten. in
English
It has already been demonstrated hereinbefore that gold of 20 carats and 6 grains is not sufficient for minting three-sworn pagodas. Governor Haksteen is very sensible of the favor shown to him by His Serene Highness and Your Honorable Worships. He will not expatiate upon this with a multitude of words, but merely testify that his obligation, zeal, and fidelity to the said exalted Prince and Your Right Honorable High Worships, as well as to the Company, shall cease only with his life, to present and take in this assembly, to the end that Your Honors might conduct yourselves accordingly, etc. The bar gold apportioned to the Chambers of Amsterdam and Zeeland for shipment shall be of 18 carats 5 and a half grains, except for one thousand marks of 20 carats 6 grains, which we have resolved to satisfy upon the requisition of the Coromandel ministers, and which shall be shipped by the Amsterdam Chamber, etc. For the filling of the vacant posts in the High Government of the Indies, His Serene Highness has been pleased to elect from the nominations presented to His Highness by us: As Ordinary Councilor in place of the late Jan Schreuder, the Extraordinary Councilor Pieter Haksteen, Governor of Coromandel. As Extraordinary Councilor in place of the aforementioned Extraordinary Councilor Pieter Haksteen, Christiaan Lodewijk Senf, Governor of Malabar. And since His Serene Highness has likewise been pleased to approve the appointment of the Ordinary Councilor in the Council of Justice, Mr. Hendrik Adriaan Lokman, as Advocate Fiscal of the Indies, we have, with the approval of His Serene Highness, in place of the aforementioned Mr. Hendrik Adriaan Lokman, promoted to Ordinary Councilor in the aforementioned Council: The Extraordinary Councilor Mr. Paulus van Lelijveld, in whose place His Serene Highness has elected from the nomination submitted to His Highness, as Extraordinary Councilor in the aforementioned Council: Mr. Theodorus Bergsma, advocate before the Court of Friesland; All of which promotions and appointments take place at the usual salaries, emoluments, and allowances attached to the aforesaid offices, and with prayers for God's blessing upon the aforementioned persons and their distinguished offices, etc. Lastly, it serves for Your Honors' information and notice that His Serene Highness, on 5 September last, granted to Mr. Thomas Hope, upon his urgent request, his discharge as Representative of His Highness with the East India Company; and that the aforementioned Mr. Hope on the following 13 September likewise laid down his office as Director at the Chamber of Amsterdam. Thank very humbly for the communication noted in the margin. Hope that this will be agreeable. Item for his discharge from this Government. We hope that the aforesaid respectful responses, together with the matters contained therein, will be approved by the aforementioned Principal Lords as well as by Your Right Honors, and commencing the handling of affairs in that confidence, the first undersigned Ordinary Councilor of the Dutch Indies and departing Governor offers to Your Right Honors in all respect his sincere obligation for your kind congratulations on his elevation to the aforesaid character of Ordinary Councilor of the Indies, as well as for his so greatly desired, favorably and reputably granted discharge from this Government; and he has, by virtue of that, on the day appointed by resolution of 5 August of the past year, being 20 September following, in full council, reserving full authority until the day of his departure, effected a clear transfer to his successor, Mr. Reijnier van Vlissingen, who, having arrived safely here on 26 July past with the ship Noordbeveland, was on the aforesaid day of 20 September, after taking the prescribed oath, solemnly presented, introduced, and authorized as Governor and Director of this Coast in conformity with the commission conferred upon His Honor by Your Right Honors on 16 May of this year, as appears from the frequently mentioned resolution of 20 September, in which everything pertaining to that solemn act is clearly set forth, to which we respectfully refer; on which occasion the departing Governor also at the same time handed over the memoir prepared by him in accordance with Your Right Honors' venerated order.
Dutch transcription
163 hier vooren is reeds aangetoond, dat goud van 20. Car. en 6. gr.:e niet voldoende is, tot het mun„ ten van driebeedige Pagooden. Den Gouverneur Haksteen is seer sensibel van de goedgunstigheijd, die hem door sijn doorlugtigste Hoog„ heijd, en uwel Ed. Agtb. is bewee„ sen, hij sal in geen veelheijd der woor„ den, daarover uijtwijden, maar eenelijk betuijgen, dat sijn verplig„ ting, ijver en getrouwigheijd aan hoog gedagte vorst, en uw Hoog Ed: Hoog agtb. , mitsg:s voor de Comp. niet als met sijn Leven sal ophou„ den in deese vergadering te stellen en te neemen, ten eijnde VE. sig daar na souden gedragen &c. Het bhaar goud aan de Kamers van Amsterdam en Zeeland ter versending toe„ bedeelt, sal sijn van 18. Car. l 5½ grijn, uijt gesondert een Duijsend marcquen van 20. verte Car. 6: gr, die wij op den Eijsch van de Cormandelse Ministers hebben beslooten te voldoen, en door de Kamer Amsterdam versonden sullen worden &a. Ter vervulling van de vaceerende plaatsen in de Hooge Regeering van Indien heeft het sijne Door„ lugtige Hoogheijd behaagd uijt de nominatien door ons aan Hoogst deselve gepre„ senteert te eligeeren- — in Tot Raad ordinair in plaatse van wijlen Ian Schreuder en ge„ e Schreuder den Raad Extra ord. . Pieter Haksteen Gouver= van Cormandel. Tot Raad Extra ordinair in plaatse van opgeme Raad Extra ordinair Pieter Haksteen Christiaan Lodewijk Senf, Gouverneur van de Mallabaar, en vermits sijn Doorlugtige Hoogheijd sig meede heeft ge„ lieven te laten welgevallen de aanstelling van den Raad ord. r in den Raad van Justitie M:r Hendrik Adriaan Lokman tot advocaat Fis„ caal van Indien, soo hebben wij met goedvinden van sijne Doorlugtige Hoogheijd in k plaats van gem e M=r Hend„k Adriaan Lokman tot Raad e e ord. r in gem raade doen op„ treeden Den Raad Extra ordr. M r Paulus van Lelijveld, in 487 bedanken seer nedrig voor de in welkers plaatse sijne Door„ lugtige Hoogheijd uijt de aan Hoogst deselve overgegeeve nomi„ natie tot Raad Extra ord:r. in gem. Raade heeft g'eligeert Mr: Theodoruse Bergsma advocaat voor de Hove van Fries„ Land; Alle welke optreedingen en aanstellingen geschieden op de enc gewoone gagien1 Emolumenten en douceurs tot de voorsz bedie„ ningen staande, en onder toe„ wensching van Godes Zegen over de geme. persoonen en hunne aan„ sienelijke bedieningen &ra. Laastelijk diend tot VE. informatie en narigt, dat sijne 9 Doorl. Hoogheijd op den 5'. 7ber. Laastleeden aan den Heer Thomas Hope op desselvs instantelijk versoek, heeft verleend sijne demissie als Representant van se zijne Hoogheijd bij de oostjend. e Communicatie ter sijden gemeld. Compe. weesen Zal. item voor desselvs ontslag uijt dit Gouvernement. hoope, dat sulx aggreabel Wij verhoopen, dat de voorsz. Eerbie„ dige Responsen, nevens de saaken daar inne vervat, door Hoogst gemelde Heeren Principalen soo wel, als uw Hoog Ed„s sullen werden geaggreerd, en in dat ver„ trouwen met de verhandeling van saaken dankbetuijging van de een aanvang maakende, bied den eerst H. r Haksteen voor de fe„ ondergeteekende Raad ordinair van Ne„ licitatie met sijn Ed.:s pro„derlands India, en afgaande Gouverneur motie tot Raad ord.r. udw hoog Edelens in alle eerbied aan, sijn Sinceere verpligting voor hoogst derselver genegene felicitatie met sijne op„ treeding tot het voormeld Carader van Ordinaris Raad van India, als meede voor desselvs soo seer gewenscht verleend gunstig en Reputatieus ontslag uijt dit Gouvernement, en hij heeft uijt hoovde Compte , En dat gem. Heer Hope op den 13. 7ber. daar aan vol„ gende sijn ampt als Bewintheb„ ber ter Kamer Amsterdam meede heeft nedergelegd. — van 167 488 singen, die den 26. ' Julij alhier gearriveerd. En den 28. 7ber. publicq voorgesteld is overgave van een me„ morie aan den selven, volgens de ordre gedaan transport over van dien, op de bij resolutie van den 5. ' aug:s sulx aan de heer van Vlis„ J„o leeden geprefigeerden dag van den 20. September daar aan, in vollen rade, behoudens het volle gesag tot op den dag van sijn vertreck, liquid transport, ge„ daan, aan desselvs vervangen de Heer Reijnier van Vlissingen, die op den 26. ' Julij passato met het schip Noord be„ veland alhier behouden aangelangd zijnde, ten voorsz: dage van den 20. 7ber: na het E afleggen van den gestatueerden Eed plegte„ lijk voorgesteld, geintroduceerd en geauthori seerd geworden is, als Gouverneur en directeur deeser Custe in Conformiteijt van de Commis„ sie door uw Hoog Edelens op sijn Edele in dato 16. ' Meij deeses Jaars gedecer„ neerd, blijkens Resolutie van den 20. 7ber. meermeld, bij dewelke alle het geene tot die solemneele actie behoord, duijdelijk gerecen„ seert staan, waar aan wij ons met veel eerbied gedragen, bij welke geleegendheijd den heer afgaande Gouverneur ook met eenen overgegeven heeft de memori door hem, in ofvolging van uw Hoog Edelens gevenereerd.
English
Haksteen. Item two duplicates of the same flattering himself in that regard expression of thanks by the Lord of Vlissingen for his appointment and under what assurance mandate by missive of 3 May last, drawn up for his aforesaid successor, as well as a closed secret memorandum of such matters that belong to the knowledge of the Governor alone, copies of both of which offering of writings he has the honor to present to Your High Noble Lands in person, with another two identical duplicates for the fatherland, if it pleases Your High Noble Lands that the same shall be sent to Europe, while he in the meantime flatters himself with that hope that in that regard he will have hit upon the honored intention of Your High Noble Lands so well that it will be honored with your highest approval. Meanwhile, the Governor of Vlissingen finds himself most strongly compelled hereby to express to Your High Noble Lands his deeply owed gratitude for the high honor done to him in his promotion to Governor and Director in and over this region, and he takes at the same time the liberty to assure Your High Noble Lands for Europe, the copies thereof by the lord in the sincerest manner, ditto, teerd, 1897 transmission of the general transport, Late arrival of the Bartha Petronella; and the embarrassment caused thereby manner that he will surrender and apply himself with the greatest attachment to the Company's service, and thus fully merit the trust that Your High Noble Lands have been pleased to place in him; while at the conclusion of this section we only add hereto one of the triplicate, signed formal transports for Your High Noble Lands' honored consideration. And proceeding herewith to the article of the Ships, their lading and dispatch, in that regard it appears to us in the first place to belong to Your High Noble Lands' honored knowledge: the late arrival here of the return ship the Bartha Petronella, whose long absence caused us no little embarrassment, especially when, with the arrival of the bearer of this, the ship Noordbeveland on 26 July, news was received that the first-mentioned vessel had already been dispatched hither on 3 May prior, indeed measures for the transport of the fatherland packs in such a way as made us fear, not without reason, some accident or other that had befallen that keel, while our concern increased even more, because no way out was seen to get the fatherland packs sent, in case the said return ship had actually met with some misfortune, or that by its too late appearance here, the time might have passed to undertake the voyage from here to Europe, by whose absence Your High Noble Lands' design and well-made arrangement regarding that ship would then also be entirely deranged, so that it made us look around for means applied means to get the European returns away directly from here; we therefore resolved on 5 August, after having found, pursuant to what was noted in the resolution of 30 July, that there was no possibility to send a part of those returns with the ship 'Slands Welvaren, which had touched here from Europe for Bengal, via that directorship, 498 request made to Ceylon for a return ship being a vessel for Batavia, and to what end, as we were also of the intention to attempt in like manner with the ship Rijnsburg, then still expected from Batavia; to present our embarrassment in that regard to the Ceylon Ministers, and to request of them, if it could be done without own inconvenience and hindrance of the Company's service there on the island, a ship that was capable of undertaking the voyage to Europe, provided with such dunnage and provisioned in such manner as one was accustomed to dispatch the ships from that island, specifying the time when such keel would have to be here; and in case they should be unable to do so, though unable to do so, that then at least a ship might be sent hither towards the middle or at the latest the end of September, in order to transport the European packs from here to Batavia, to the end that, if Your High Noble Lands approve thereof, dispatch made of Noordbeveland to Jaggernaikpoeram meanwhile, and why, Finally, appearance of the Bartha Petronella what was the cause of the long voyage the same could be sent from there with the ships of the second consignment; and resolved meanwhile to dispatch the ship Noordbeveland to Jaggernaikpoeram, both to deliver the goods brought along for that trading post and the factories of Bimilipatnam and Palicol, and to return hither with all the bales collected at the first-mentioned residency for Europe, together with as many Indian packs as it could take in. All this having been arranged in the manner aforesaid, and looking forward with longing to the report from Ceylon upon the twofold request made from here, there finally appeared here on 17 August the aforementioned return ship the Bartha Petronella, having met with heavy, continuous storms on the voyage, and having fallen off to the leeward of Ceylon, it had been forced to cross the Line once again, in order to reach the southeast trade wind
Dutch transcription
Haksteen. Item nog twee weedergadens sig dien aangaande flat„ dank betuijging van de Heer van Vlissingen voor sijn aanstelling en onder welke versee¬ kering mandaat bij missive van den 3:' Meij laast Leeden, voor desselvs welmelde Succes„ aan een gesloten sarete seur opgesteld, als meede een gesloote secree„ te memorie van sodanige saaken, die ter kennisse van den Gouverneur alleen ge„ hoorende afschriften, van welk beijde. te doene aanbieding van Schriffuuren hij de Eere hooft te hebben, uw Hoog Edelens in persoon te presentee„ ren, met nog twee gelijke weedergadens voor het veederland, indien het uw hoog Edelens goedvinden is, dat deselve na Europa ge„ ^sullen met welke hoope sijn Ed. sonden ^ werden, terwijl hij intussen sig vleijd, dat daar omtrent de g'eerde Jntentie van uw hoog Edelens soo wel getroffen sal hebben, dat daar op met hoogst derselver approbatie sal werden gehonoreerd. Ondertussen vind den Gouverneur van vlissingen sig op het kragtigste aange„ noopt, uw hoog Edelens bij deesen te betuij„ gen sijne diep schuldige dankbaarheijd voor de hooge Eere hem in desselvs promotie tot Gouverneur en Directeur in - en over dit gewest, aangedaan, en hij neemt teffens de vrijheijd, uw hoog Edelens op de finceerste voor Europa, dies Copijen door d' heer wijse dito, teerd, 1897 verselling van't gene„ raal transport, Laate arrive van de Bartha Petronella; en de daar door ont„ staane verleegendheijd wijse te verseekeren, dat hij sig met het meeste attachement sal overgeven En aspliceeren, tot 's Comp. s dienst, en alsoo volleedig meriteeren, het vertrouwen, dat uw hoog Edelens in hem hebben gelieven te stellen; terwijl ten besluijte deeser Pe„ riode eenelijk hier nog bijvoegen een der drie voudige, geteekende formeele trans„ porten tot ouw hoog Edelens g'eerde spe„ culatie. En hier mede overgaande tot het ar„ ticul der Scheepen, der selver belading en depeche„ daar omtrent komt ons in de Eerste plaat„ se te vooren tot uw hoog Edelens g'eerde kennisse te behooren; de late arrive al„ hier van het retour schip de Bartha Petronella, welkers lang weg blijving ons niet wijnig in verleegentheijd bragt, Speciaal, wanneer met de arrive van brenger deeses het schip Noordbeveland op den 26. ' Iulij, tijding bequaam, als dat eerstgemelde bodem reeds den 3. ' Meij bevoorens, dit heen gedepecheerd was, Ja invoegen. delen ter vervoerder vaderlandse packen invoegen ons niet sonder reeden deed vresen, voor het een off ander ongeval dien kiel overgekomen, terwijl onse bekommernis nog meer toenam, uijt hoofde men geen uijtweg sag, om de Vaderlandse packen versonden te krijgen, in gevalle gedagte rethour schip werkelijk het een off an„ der ongeluk bejeegend, dan wel door dies te late opdaging alhier, de tijd verlopen mogte weesen, om de reijse van hier na e, Europa te onderneemen, door welkers wegblijving dan ook in het geheel ge„ derangeerd wierde uw hoog Edelens dessein en welgemaakte schicking om„ in't werk gestelde mid„ trent dat Schip, invoegen ons na mid„ delen deeden omsien, om de Europase rethouren direct van hier weg te krij¬ gen; wij beslooten dierhalven op den 5. ' augs, na dat ingevolge het aangeteekende ter resolutie van den 30. ' Iulij ondervon„ den, er geen mogelijkheijd te weesen, om een gedeelte dier rethouren met het alhier uijt Europa voor Bengaale aangeweest sijnde schip 'Slands Welvaren over die directie 498 gedaan versoek na Ceijlon om een rethour schip gend sijnde een bodem voor batavia, en ten wat eijnde, directie te versenden, soo als wij ook van intentie waren, in selver voegen te betragten, met het als toen, nog van Batavia verwagte Schip Rijns„ burg; onse verleegendheijd dien aangaan„ de de Ceijlonse Ministers te vertoonen, en van deselve, soo buijten Eijge ongerief en stremming van 'sComp:s dienst aldaar ten Eijlande geschieden konde, een schip te insteeren, dat bequaam was, om de reijse na Europa te onderneemen, voorsien van sodanigen onderlaag en in dier voegen geproviandeerd, als men gewoon was, de scheepen van dat Eij„ land te depecheeren met bepaaling van de tijd, wanneer sodanigen Kiel alhier soude moeten weesen, en in ge„ dog daartoe onvermo„ val van onvermogen daar toe, dat dan ten minsten een schip teegens medio, off uijtterlijk ult„o 7ber. na her„ waards mag werden gesonden, om de be Europase packen van hier na Batavia te vervoeren, ten eijnde deselve van daar uw hoog Edelens zulx goedvinden, den gedaane sending van Noordbeveland na Jaggern. intussen, en waarom, Eijndelijk opdaging van de Bartha Petronella wat de oorsaak van de lange reijs geweest is den, met de scheepen van de tweede besending versonden te konnen wer„ den, en beslooten intussen het schip: W Noordbeveland naar Jaggernaijk p=m te depecheeren, soo ter overgave der voor dat Comptoir, en de factorijen Bimilipatnam en Palicol meede ge„ bragte goederen, als met alle de ter eerstgemelde Residentie versamelde fardeelen voor Europa met en neevens soo veel Indiase packen als inneemen konde, dit heen te keeren. Dit alles invoegen voorsz. geschikt en met verlangen te gemoed gesien sijnde, na het berigt van Ceijlon op het van hier twee leedig gedaan ver„ soek, daagde eijndelijk den 17. ' aug.:s alhier op het voormeld rethourschip de Bartha Petronella, na dat op de reijse swaare aanhoudende stormen beloopen hebbende, en beneden Ceijlon vervallen weesende, genoodsaakt geweest was, andermaal door de Linie te stee„ ken, om de Zuijd oost passaat op te loopen
English
93 11 5 491 their ship; but nevertheless request a similar vessel for Batavia, and to what end; altered arrangements of Noord Beveland at Jaggernaikpoeram; conveyance made of the packages, which also having been happily accomplished, the voyage subsequently completed reasonably prosperously up to this place. This unexpected appearance caused us immediately to cancel to Ceylon the ship requisitioned from Ceylon for Europe, with instructions, however, that if a ship for Batavia could be spared, the same would certainly find its employment here, in order to transport to the Indian Capital the packages which, after the loading of the ships the Bartha Petronella and Noordbeveland, would remain over and were successively to arrive both from the sub-stations and from here. And further, all the arrangements were altered regarding the loading to be done on the ship Noordbeveland at Jaggernaikpoeram, which vessel, however, was allowed to sail on thither to collect and convey hither the bales for India; and subsequently, by two sloops, to transport to Jaggernaikpoeram the homeland packages found at the sub-stations Sadraspatnam and Palliacatta, as far as those small vessels could take in and transport, for transshipment into the homeland packages from Palliacatta and Sadras with sloops to Jaggernaikpoeram; vessel which was sent thither on 13 September with only 200,000 lb. of pepper, and why; item 263 packages from here; for transshipment into the aforementioned return ship, which, as quickly as possible, was unloaded of what was brought for this Coast, and again supplied with 2400 pieces of freestone floor tiles, upon the declaration of the skipper that he still needed fully 50000 lb. of ballast, and furthermore, pursuant to our resolution of 30 August last, was provided with the necessary provisions, on 3 September thereafter headed directly from here to Jaggernaikpoeram with 200,000 lb. of Pepper, as the said skipper declared that quantity to be sufficient to properly cover the packages to be taken in; wherefore no more pepper was left in the same here, nor sent with the sloops to Jaggernaikpoeram; the said vessel having furthermore taken in here 263 packages and chests according to the tenor of our submissive letter of 3 September aforesaid, presented in accompanying that vessel to the Right Honourable Gentlemen Majors, of which the copy, as well as of the invoices of the aforesaid dispatched bales, arranged according to the venerated intention of Your Right Honours and together amounting to f 255661. 5, we have the honour in all respect to offer to Your Right Honours, as well as the copies of the letters and invoices drawn up for the same purpose by the chiefs of Palliacatta and Sadraspatnam, amounting to f 75339. 4. 8 from the first-mentioned sub-station and f 105398. 3. 8 from the second; those from Jaggernaikpoeram not having come to our hands yet, but are nevertheless, if they are still brought here before the dispatch of this respectful letter, to be added to the enclosures of this, or otherwise to go with our ordinary yearly papers via Ceylon; while regarding the further arrangements made concerning the speedy loading and dispatch of that vessel at the latest 185 183 dispatched from here, then from Sadras and Palliacatta; arrangement made regarding the dispatch of that vessel referred to; hope for approval thereof; 492 at the latest on the day of 25 September limited by Your Right Honours, we refer with much respect to our resolutions of 18 and 30 August and letters dispatched to Sadraspatnam, Palliacatta, and Jaggernaikpoeram dated 22 August aforesaid, and 19 August and 3 September thereafter; trusting that all the same will be approved by Your Right Honours, as everything had to be managed with haste due to the late arrival of the said vessel, in order to make the same leave the roadstead of Jaggernaikpoeram with a good cargo of packages before the breaking of the bad or the North monsoon, as upon the departure of the ship Noordbeveland from Jaggernaikpoeram to this place, already fully 900 bales lay yonder, besides those brought thither from Sadras and Palliacatta by the aforesaid two sloops to the number of 205 packages, thus with the 263 pieces provided here will make up a number of about 1368 packages. We 11 117 493 no sailors were taken from the Bengal barque; how the number of the return ship was made complete; We have furthermore made no use of the authority granted by Your Right Honours to take 12 to 15 sailors from the ship destined from Europe for Bengal to reinforce the aforesaid return ship, as upon the departure of the Bengal barque Slands Welvaren on 31 July, the ship the Bartha Petronella had not yet arrived here; besides that, by the taking ashore here of the military personnel who were still on it, and the stay here in hospital of 22 sick persons, the aforementioned Bengal vessel remained manned with only 74 hands, the more so because one maintained that in case the return ship should still appear, upon its departure some of those sick sailors would certainly have convalesced, so as to be able to be placed on that vessel in case of necessity, as subsequently also occurred with some of the same, and to make up the complement of 11.
Dutch transcription
93 11 5 491 theúr schip dog versoek egter om een dito voor Batavia en ten wat eijnde veranderde arrangementen van noord beveland te Jaggern. gedaane overbreng vande loopen, het geen ook geluckig vol„ voerd weesende, de reijse vervolgens reedelijk voorspoedig dit heen vol„ bragt heeft, deese onverwagte ver„ gedaane afschrift daar scheijning, deed ons ten eersten het op na Ceijlon van een re„ van Ceijlon gerequireerd schip voor bd Europa affschrijven, met aanschrij„ vens nogthans, dat indien een schip voor Batavia gemist konde werden, het selve zijn emploij hier wel vinden soude, om de packen, die na de bela„ ding van de scheepen de Bartha Petronella en Noordbeveland over„ blijven en successive soo wel van de Comptoiren, als van hier stonden in tekomen, maar de Indiase Hoofdplaatse te vervoe„ ren, en men veranderde wijders alle de ar„ daar op noopens de belading rangementen, omtrent de te doene belading van het schip Noordbeveland op Jagger„ naijkpoeram, welke bodem men egter naar derwaards liet voort Zeijlen; ter afhaal en overbreng dit heen van de far„ deelen voor India en vervolgens door twee Chialoupen de vaderlandse packen op de Comptoiren vaderlandse stacken van Pall=a en sadras met Chialoupen na Jaggern.. bodem, die op den 13. 7ber dat heen gesonden is, met maar 200'000. lb. peper, en waarom; Item 263. packen van hier, Comptoiren Sadrasp=r en Palliocatta te vinden, voor soo verre die kieltjes in„ neemen en vervoeren konden, Lieten ter overscheeping inde ritour overbrengen naar Jaggernaijkpoeram, ter overscheeping in het voormeld retour„ schip, dat, soo spoedig mogelijk, van het aangebragte voor deese Cust ontlost en weder 2400. stux arduijne vloersteenen, op de verklaaring van den schipper, dat nog wel 50000 lb: ballast noortig hadde, ingegeven, mitsgaders met het nodige, ingevolge onse resolutie van den 30. ' aug:s Laast leeden voor sien was, op den 3. ' 7C 7ber: daar aan direct van hier naar Iaggernaijkpoeram gestevend is met 200'000 l. Peper, alsoo gedagte schipper verklaarde, die quantiteijt genoegsaam te weesen, om de intenemene packen naar behooren te bestorten, over sulx men geen meer peper alhier in het selven gelaten, nog met de Chialoupen naar Jaggernaa poeram gesonden heeft, hebbende t voorts gedagte kiel alhier 263. packen en kiste ingenomen na Luijd van onse Submisse Letteren 185 183 de van hier afgesonden, 492 dan van Sadras en Pull=a. gemaakte schicking omtrent de depeche van dien kiel refe„ reerd, Letteren van den 3 . 7ber voormeld, ten geleijde van dien bodem aan de Ed: hoog agtb: Heeren Majores gepresenteerd, verselling van de Copias der waar van het afschrift soo wel als van „„ brief en fastuuren daarmee„ de factuuren der voorsz. versondene gar„ deelen, na de gevenereerde intentie van uw hoog Ed. s ingerigt en te samen im„ porteerende ƒ 255661. 5. wij de eere hebben uw hoog Ed:s in alle Eerbied aante„ bieden, als mede de Copijen van de door de Palliacatse en Sadraspatnamse opperhoovden, ten dien selven eijnde ge¬ rigte brieven en factuuren, bedragende Comptoir die van het eerst gemelde ƒ75339. 4. 8. - en van het tweede ƒ 105398. 3. 8. sijnde die van Jaggernaijk poeram ons nog niet aan handen gekomen, dog staan nogthans soo nog voor het afsenden deeser eerbiedige, alhier aangebragt wer„ den, de bijlagen deeses daar meede te werden vermeerdert off anders met onse gewoone Jaarlijxe papieren over Ceij„ waar aan men sig nopens de lon afftegaan; terwijl ten belange der verdere gemaakte schicking omtrent de spoedige belading en depeche van dien kiel uijtterlijk hoope op dies goedkeure, „ uijtterlijk op den door uw hoog Ed:s geli„ miteerden dag van den 25. ' 7ber:, wij ons met veel Eerbied gedragen aan onse resolutien van den 18 en 30 aug.:s en - afgevardigde brieven naar Sadras p=m, Palliad=o en Jaggernaijk p=m de datis 22. ' aug. s gemeld, mits den 19 aug. s en 3. '— Jber: daar aan in vertrouwen sijnde, dat alle deselve sullen door uw hoog Eds. werden geaggreerd, alsoo alles door de late aankomst van gedagte kiel met verhaasting hebben moeten besorgd wer„ den, om deselve nog voor het doorbreeken van de quaade of de Noordermousson, #7 Jaggernaijk p=m te doen de rheede van verlaten met een goede Lading packen, alsoo op het vertreck van het schip noord¬ beveland van Jaggernaijk p=m dit heen, reeds ruijm 900. fardelen ginter geleegen hebben, buijten de aangebragte aldaar van Sadras en Palliac=o per voorsz. twee Chialoupen ten getalle van 205 - packen, dus met de alhier ingegevene 263 stux een aantal van C. C. 1368. – packen sal uijt„ maaken. Wij 11 117 493 geen mattroosen geligt hoedanig het getal van 't re„ tour schip voltallig gemaakt is, van de bengaalse bhaar sijn Wij hebben voorts geen gebruijk ge„ maakt, van uw Hoog Ed. s verleende qualificatie, om 12. â 15 mattroosen van het uijt Europa naar bengale ge„ destineerd schip te ligten tot versterking van het voorsz. rethourschip, alsoo op het vertreck van de Bengaalse bhaar Slands welvaren op den 31. Julij, het schip de Bartha Petronella alhier nog niet gearriveerd was, behalven dat. voormelde bengaalse bodem door het alhier aan de wal ligten van de daar op nog geweest sijnde militairen, en verblijff alhier in hospitaal van 22. sieken nog maar met 74 koppen be„ C mand bleeff, te meer men sustineer„ de, dat ingevalle het retour schip nog quam opdagen, op dies vertreck, wel„ eenige van die sieke mattroosen gere„ convaleseerd souden sijn, om in Cas van noodsaakelijkheijd, op dien kiel te kunnen werden geplaatst, gelijk naderhand ook met eenige derselve geschied is, en tot het voltalig maaken van 11.
English
Regarding the transport of linens in the permitted chests, the necessary supervision has been exercised. Singelman are branded here, offer of the copy of the certificate thereof. How the findings regarding the cargo of the 3 alongside-mentioned ships were disposed of. Of the number of 100 hands stipulated by Your Noble Highnesses, 9 soldiers who had come out on the aforesaid vessels as sailors and had served in the sea service were engaged again as such and placed on that vessel. We also exercised and maintained the necessary supervision regarding the transport of linens in the branded, permitted chests of the crew members of the aforesaid return vessel, so that the order and stipulation of Your Noble Highnesses in that regard would not be transgressed in the slightest respect. The chests of the Lieutenant, the chests of Lieutenant Georg Lodewijk Singelman, who was also repatriated with it, we had branded here in accordance with the certificate that was executed and granted here for that purpose, of which we take the liberty to present alongside this the copy for the esteemed examination of Your Noble Highnesses. Regarding the discharged cargoes of the bearer of this, and of the other ships that were here, namely the Bartha Petronella, Rijnsburg, and Zeekerlust, the general findings drawn up thereof having been presented at our sessions of the 3rd and 13th of September last and the 8th of the current month, it will appear to Your Noble Highnesses that, as far as the three last-mentioned are concerned, everything has been discharged well, and therefore we have passed to write off everything that did not exceed the permitted limitation, as well as regarding various items of what was brought by the bearer of this; but everything that came to exceed the determination established in the write-off regulation, we have had charged to the account of the ship's officers by way of buyout, namely: 1984 lb pepper 1544 cans arrack api 110 bottles of domestic distilled waters 29¾ lb butter 5 bottles of rose water 2 rolls of sailcloth, which were found to be rotted from one end to about halfway. To obtain it, no effort is spared however. With two capitals advance, the sailcloth was handed over to them, against which, however, their account has been credited for 3½ cans of linseed oil; and furthermore, on this occasion, we send back the 27 pieces of sponge-sticks which, among the 40 pieces received, were found to be aged, decayed, broken, and eaten by worms, and are consequently useless. The caliatour wood is very difficult to obtain. The caliatour wood having a connection to the loading of the ships, we therefore find ourselves obliged to respectfully bring it to the knowledge of Your Noble Highnesses under this main section that the obtaining thereof has been very difficult since the trees that stood along the sea side have been cut down, and one is therefore forced to cut that wood in the forests standing deep inland, and to transport it down the river by rafts to the sea; but notwithstanding that, no effort is spared to obtain it. And the price is increased by ½ per candi on each type, and a quantity thereof lies ready at Paliacatta and Jagannathpoeram, which is to be brought over in the spring, 65,000 lb thereof. Forwarding of a petition of the Master Arij Fransz. Therefore, to facilitate this upon the difficulties raised regarding it by the suppliers thereof, and of the greater expenses that they now have to incur for the aforesaid reason for the transport of that wood, the price of the same was already increased at our session of the 22nd of December of the past year by half a pagoda on each bahar of each of the three types: at 3½ being 15 guilders 15 stivers for the first, at 3 being 13 guilders 10 stivers for the second, and at 2¾ being 12 guilders 7 stivers and 8 pennings for the third type; and one already has a quantity thereof lying both at Paliacatta and Jagannathpoeram, which will be transported in the spring by the ship expected from Bengal as far as can be done, and which cannot be brought over by the sloops in the meantime; and the bearer of this now transports a quantity thereof of 65,000 lb, specified further below under the cargo at the foot of this letter. We further present to Your Noble Highnesses the copy of a petition addressed to us by the Master of the bearer of this, Arij Fransz, showing the cause of the shortage of the pepper. Wherein the cause of the underweight on the pepper is demonstrated, and on account of which he appeals to a declaration of the officers. Showing thereby the cause of the exorbitant shortage of 5,984 lb, or 3 percent, on the 200,000 lb quantity of pepper carried over, which had been watered down; namely, that because the bulkhead with which that hold was partitioned off had been placed loosely down on the timbers, it had been dislodged by the continual working of the ship, and the mats having broken, the pepper had spread throughout the entire hold, in such a manner that the entire voyage, since it had cleared the strait, a large quantity of pepper had been pumped out, such that one had been able to see it floating astern; and moreover, because of this, they had frequently been under the necessity of lifting the pumps in order to clean them of the dirt and the dust of the pepper that had settled into them; he further appealing in this matter to a declaration by the other ship's officers under presentation.
Dutch transcription
omtrent het vervoeren van lijwaaten in de gepermitteerde kisten, is het nodig toeversigt gebruijkt Singelman sijn alhier gebrand, aanbod van de Copij van't certificaat daar van hoedanig op de bevindingen der lading van neevens gem. 3. scheepen gedisponeerd is, van het door uw Hoog Ed:s bepaald getal van 100. koppen, 9 militairen, die te voorm:e bodems als mattroosen uijt gekomen sijn; en bij de Zee dienst ge¬ daan hebben, weder als soodanig gechal geerd en op dien bodem geplaatst sijn. Bok hebben wij het nodig toeversigt gebruijkt en doen houden, omtrent het ver voeren van Lijwaaten in de gebrande gepermitteerde kisten van de scheepelin„ gen van voorsz. rethourbodem, op dat uw hoog Ed:s ordre en stipulatie daar omtrend in geen de minste opsigten over de kisten van den Luijtenant treeden wierd, de kisten van den daar 10 meede gerepatrieerden Luijtenand Georg Lodewijk Singelman hebben wij alhier laten branden, ingevolge het Certificaa dat daar van hier gepasseerd en verleend is, waar van het afschrift de vrijheijd neemen, tot uw hoog Ed. s g'eerde spe„ culatie nevens deesen aantebieden. Betreffende de uijtgeleverde Ladin„ gen van brenger deeses, ende verdere alhier aangeweest sijnde scheepen de Bartha Petronella 119 494 Petronella, Rijnsburg en Zeekerlust, de generaale daar van opgemaakte be„ vindingen ter onser Sittingen van den 3, 13. 7ber J„o Leeden en 8. Courant ge„ diend zijnde, sal uw Hoog Ed. s daar bij te vooren koomen, dat voor soo verre 6 de drie Laast gemelde Concerneerd, alles wel uijtgeleverd sijn, en dierhalven ter afschrijving gepasseert hebben, alle het geen de gepermitteerde Limitatie niet is te boven gegaan, soo mede om„ trent diverse articulen van het aan„ gebragte per brenger deeses, maar al het geen de bepaaling bij het reglement der affschrijving vast gesteld, is komen te Excedeeren, de overheeden uijtkoops op reecq: hebben doen stellen, te weeten: 1984. lb: peper 1544 kannen arakapij —1i0 fles gedistilleerde wateren Inlands 29¾ lb: boter 5. flessen Rosewater 2. rollen Zijldoek, dewelke van het eene End tot omtrent de helft verrot bevon„ den — - te bekomen dog daartoe word egter geen moeijte gespaard, den zijn, met 2. Capitalen advans en het seijldoek aan haar affgegeven, dog waar en teegen derselver reecquening ten goede is gebragt, voor 3½. kannen Lijnolij, en wijders bij deese geleegendheijd te rug senden, de 27. p. s wisterstokken, welke onder de ontfangene 40 stux verou„ dert, vermolmt, gebroken en door de wor„ men verteerd; over sulx onbruijkbaar be„ vonden zijn. ee het Callictourhout seer difiel Het Calliatour hout, tot de belading der scheepen, Connexie hebbende, vinden wij dierhalven ons verpligt, omtrent het selve onder dit Hoovd deel uw hoog @ Edelens Eerbiedig ter kennisse te brengen, dat het bekomen derselve, seer difficiel is, seedert dat de Langs de see kant gestaan hebbende boomen, om ver gekept zijn, en men dierhalven genoodsaakt is, dat hout in de bosschen diep in het Land staande, te kappen, en per vlotten de revier aff, naar Zee te transporteeren, dog des niet teegenstaande werd er geen moeijte gespaart, tot dies bemagtiging, zijn„ de 121 en de prijs is ½ pr Co op ider soort verhoogd, en uijtwat 495 te Palliac„ en Jaggern. leijd een quantiteijt daar van klaar dat in't voor Jaar overgebragt staat te werden, 65000 lb daar van verselling van een reg. van den Schipper Arij fransz. de dierhalven tot facilitatie van dien„ op de geosperde swarigheeden dien aan„ „ gaande door de Leveranceers derselve, en van de meerdere ongelden, die Ze nu om reeden voormeld doen moeten, tot den affvoer van dat hout reeds ter onser ses„ sie van den 22. ' December des gepasseer„ den Jaars, de prijs van het selve met een halve pagood op ider bhaar, van Elk der drie soorten vermeerderd off a 3½ ƒ 15: 15. de Eerste, p a/o. 3. —. ƒ 13. 10 — de tweede, en p r/o 2¾ ƒ 12. 7. 8. de derde zoort, en men heeft reeds een quantiteijt daar van, soo wel te Palliacatta als Iaggernaijk p=m Leggen, dat in het voor jaar per het uijt bengale verwagt werdende schip, voor soo verre als geschieden kan, en intussen met de Chialoupen niet kunnen werden overgebragt, vervoerende en brenger deeses vervoerd brenger deeses tans daar van een quanti„ teijt van l 65000 -. - aan de voet deeses onder de lading nader gespecificeerd. Wij beeden uw hoog Edelens voorts het afschrift eener request door den schip„ per hoofd waarbij de oorsaak van het minwigt op de peper ver„ thoond werd, en welkentweegen hij sig op beroept, „per van brenger deeses, Arij fransz, aan ons gerigt, vertoonende daarbij, de oorsaak van de exhorbitante te kortkoming van 5984 lb: off 3. p„r C„to op de na herwaterd overgevoerde peper, ter quantiteijt van 200'000 lb:, namentlijk, dat vermits het schot, waarmeede dien korl was aff¬ geschut Los op de houtwerken neder ge„ set zijnde, het selve door het Continueel werken van het schip, ontset was en de matten gebrooken zijnde, de peper sig in„ het geheele ruijm verspreijd hadde, in dier voegen, dat de gansche Reijse, 't seedert dat uijt de straat geraakt was, een groot quantiteijt peper uijtgepompt hadde, dat men deselve agter uijt hadde kun„ nen sien drijven en boven dien daar door veelmaals inde noodsakelijkheijd ge„ weest was, om de pompen te ligten, om van de vuijligheijd en het stoff: vande peper, welke sig daarna toe geset had„ de, te suijveren, sig wijders dien aan„ een verklaaring der officieren gaande beroepende oft een verklaaring door de verdere scheeps overheeden onder Presentatie