VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 10017

Ceylon · 750 pages · 243 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_10017_0470 view scan ↗

English

The Noble and Worshipful Directors at the presiding chamber of Amsterdam informed us by missive of the 5th of February of this year of the intention of Their High Mightinesses in sending out the military commission, which has already arrived on the outer roads of Gale on the 1st of this month with the frigates Zephir and Havik, and of what must be observed regarding this commission in the Indies, with orders at the same time also to give notice thereof to Your Honors. We therefore offer to Your Honors enclosed herewith a copy of the aforementioned missive, alongside copies of the two memoranda received therewith, so that Your Honors may guide yourselves accordingly. We also offer to Your Honors herewith our demand for necessities for the year 1790, the fulfillment of which we kindly request at the first opportunity; the duplicates of our letters of the 3rd and 5th of November last; a letter to Your Honors marked CB, brought from the Cape of Good Hope with the aforementioned frigate Zephir; and a letter addressed to the Ministers in Bengale, which we request you will kindly forward at the first opportunity. For the rest, after friendly greetings, we remain. Was signed as above. In the margin: Kolombo, the 9th of December 1789. We have had the honor to receive Your Honors' esteemed missives of the 21st of October and 11th of November last. We thank Your Honors for the good delivery of our letters to the Noble High Indian Government at Batavia and to the ministers in Bengale. The received letter for the ministers at Koetsien we have sent thither with the country's frigate of war Zephir. The thony built for Your Honor at Kalpettij has already departed for Jaffena and will be sent over from there at the first opportunity, and the thony being built at Battekaloa will also be finished soon. We request Your Honors that whenever henceforth any personnel who have deserted from Ceilon are apprehended or extradited there, as in both cases mentioned in Your Honors' letters of the 29th of July and 11th of November last, not to send them to Batavia but hither, along with the documents concerning the charges against them. If Your Honors have no opportunity to do so, we request that you notify us; we shall then send a vessel to collect them. The enclosed letter to the Governor of Madaas and the Council we kindly request you to have safely delivered. To the same as before. Cijlon Examined, J. Sa Woutersz. We also request the safe delivery of the letter enclosed herewith for the ministers in Bengale, to which we attach the duplicate of our last of the 9th of this month with the duplicate of the demand mentioned therein. For the rest, after friendly greetings, we remain. Was signed as above. In the margin: Kolombo, the 31st of December Anno 1789. No 42: Checked. To the Honorable Willem Jakob van d' Graaff, Ordinary Councillor of Dutch India, as well as Governor and Director of the said Island and the dependencies thereof. Together with The Council. Kolombo Noble, Valiant, Courageous, Wise, Prudent, Most Discreet Sir and Friends. Under date of the 6th of August last, Your Honors' esteemed letters of 15 Feb: and 5 Decemb: 1787, item 30 April 1788, were delivered to us all at once from Palleacatta, alongside several duplicates of previous letters, the originals of which had already been received by us and also answered. We thank Your Honors for the European and Surat packets sent to us therewith, item the copies of Your Honors' dispatched advices to the Gentlemen Masters and Their High Excellencies, and in return we offer the copies of those which we wrote in the past year to our well-mentioned High Superiors. Also expressing our gratitude for that which was communicated to us concerning the condition of the sloop De Krab after the departure of its crew from Mergie, we have, in accordance with Your Honors' request, ordered to be paid out here to the junior merchant De Masse the sum of Sa. R. 460 - - -, advanced by him to the junior merchant Boens for the service of the crew of that small vessel. Having been ordered by the Noble High Indian Government to send to Your Honors' Government the sloop The Chinsurah, which has been found unfit for pilot service in this river, we now let the same depart thither under cover of this letter and under the command of Captain-Lieutenant Jan Gerrit Drees, whom we have placed upon it. That small vessel is provisioned for three months, and furthermore supplied with everything necessary to make that voyage, which we hope he will accomplish swiftly and safely. The cost of the same, with the inventory furnished thereto amounting to ƒ 25510. 3. 8, is charged in the invoice which, alongside the expense account, is separately handed over sealed to the commander. We have loaded therein the silk cloths specified on the bill of lading invoice drawn up thereof and signed by the said commander, amounting to ƒ 4414. 13. 8. This is the only thing, as no long gunnies have been received thus far, that we have been able to supply from Your Honors' demand of the past year due to the scarcity of cash, and we hope that the same will be found to your satisfaction. Two years ago, Ensign Hans Swanewits arrived here from Europe, who, on account of our small garrison in this directorate, cannot be of any service, and, in the hope of being able to be placed on Ceilon, has requested to be permitted to sail over thither with his wife. We have agreed to this and request Your Honors to be pleased to employ him there if possible, or otherwise to arrange his transport to Batavia. In the same manner we have permitted with this vessel

Dutch transcription

De Edele Agtb: Heeren Bewindhebberen ter pre„ sidiaale kamer Amsterdam, hebben ons bij missive van den 5: februarij deezes Jaars ge„ informeerd, van 't oogmerk van hunne Hoog dan als vooren. Mogenden in 't uijtzenden van de militaire Commissie, die reets met de fregatten de ze phir en de Havik, den 1: deezer op de buij„ ten reede van Gale is gearriveerd, en van 't geen nopens dezelve Commissie in Jndien moet worden geobserveerd, met last teffens, om ook daer van aen uwel Ed:s ken„ nis te geeven we bieden derhalven uwelEd hieringeslooten aen, een afschrift van voor schreeve missive, nevens Copijen van de daermeede ontvangen twee memorien, op dat uwel Ed:s zig daerna kunnen rigten Ook bieden we uwel Ed:s hiernevens aen on„ sen eijsch van benodigtheeden voor het Jaco 1790. , welkers voldoening bij gelegendheid we vriendelijk verzoeken, de duplikaeten onser brieven van den 3: en 5: November Jongstleeden, een brief aen uwel Ed:s geregt gem:t C:B: met voor„ melde flegat de zephir van de Caab de goede Hoop aengebragt, en een brief den de Heeren Ministers in Bengale ge„ rigt, die we verzoeken bij gelegentheid tewillen voortzeede. Wij blijven voor 't overige na vriendelijke groete /:onderstond:/ en /:geteekend:/ als booven /:in„ maagiene:/ kolombo den 9:' december 1789. Wij hebben de eere gehad te ontvangen uw wel Ed:s ge eerde missives van den 21: october en 11: 9ber: J:o L: we belanken uw wel Ed:s voor de goede bezorging on„ ser brieven aen de Edele Hooge Jndische regering te Batavia en aen de ministers in Bengale. De ontvangene brief voor de Heeren ministers te koetsien hebben we met 'slands fregat„ van oorlog de zephir na derwaerts gezonden. De te kalpettij voor uw Edele aengeboude tonie is reets na Jaffena vertrokken en zal bij eerste gele„ gendheid van daer overgezonden worden, en de tonie die op Battekaloa aengebouwd zal ook spoe„ dig klaer gemaekt worden. we verzoeken uwwelEd:s, om wanneer voortaen eenig volk, dat van Ceilon gedescrteerd is, aldaer word opgevat of uijt geleeverd gelijk in de beide gevallen vermeld bij uw wel Ed:s brieven van den 29: Ju„ lij en 11: 9ber: J:o L:, hetzelve niet na Batavia maer na herwaerts te zenden met de stukken ten hunnen laste. wanneer uw Ed:s daertoe geen gelegendheid hebben, dan verzoeken we ons dat te bedeelen we zullen dan een vaertuijg zenden om ze aftehaelen: De ingeslootene brief aen de Heer gouverneur van ma„ daas en de raed verzoeken we vriendelijk sehuur te doen bestellen. Wij ook Aan als vooren. Cijlon Nagezien, J„: Sa woutersz: ook verzoeken we sekuur te doen bestellen de nog hier ingeslootene brief voor de Heeren minis„ tert in Bengale waerbij wij voegen het du„ plikaet onser laesten van den 9: deeser met het duplikaet van den daerbij vermelden Eijsch r Wij blijven voor het overige na vriendelij„ ke groete. /:onderstond:/ en /:geteekend:/ als vooren. /:in margiene:/ kolomko den 31: decem„ bed Ao 1789. No 42: Eikeert Aan den wel Edele Heer Willem Jakob van d' Graaff Raad ordinair van Nederlands Jndia, mitsgaders Gouverneur en Directeur van 't gemelde Eyland en de Reboite van dien. Neevens Den Raad. Kolombo Edele Erntfeste Manhaf= =te wijze voorzienige zeer dis „Kreete Heer &: Vrienden. Onder den 6:e Augustus J:o Leeden, zijn ons op een„ maal van Palleacatta toegezonden Uwer welEds: geachte letteren van 15 feb: en 5 Decemb: 1787 item 30. April 1788. neevens nog eenige dupplica„ „ten van voorige brieven, welkers orgineele bereed bij ons ontfangen en ook beantwoord waaren. wij bedanken Uwel Edelens voor de ons daar meede toe gezondene Europisite en suratse pa„ „ketten, it im de Copijen Uwer Ed:s afgevaardigde Accordeert. Sijbrands ad advessien aen D' Heeren Meesters en Hun Hoog¬ Edelheeden en bieden dezelve weederkenig aen de afschriften van die welke wij in 't gepasseerde Jaar aen wel melden onse Hooge Superieuren geschreeven hebben. voor 't ors meede gedeelde nopens den toestand van de sloep de kxab na 't vertrek van dies Equip „gie van Mergie meede onse verpligting betuige „gende hebben in gevolge uwwel Ed:s verzoek aen den onderkoopman de Massé alhier laten uijtke kende s:a R: 460- - - door hem aen den onderkoop Boens ten dienste van de Equipagie van dat kie „tje voorgeschooten Door d' Edele Hooge Indische Regering gelast z de de sloep de Chinsurah. die tot de loots dienst in deese rivier onbekwaam bevonden is, uwelEdelens Gouvernement te zenden, laten wij de „zelve thans onder geleijde deeses en 't gezag van den door ons daar op geplaatsten Capitain Luiter ant Jan Gerrit Drees, na derwaards vertr ken, dat kieltje is voor drie maanden geprovi „deerd, en voorts van al 't nodige tot 't doen dier reijze voorzien, die wij hoopen dat hij spoei en gelukkig volbrengen zal - Het kostende van dezelve met de daar aen verstrekte in¬ „ventaris ten bedraage van ƒ 25510„„ 3. 8. wend aengereekend bij de factuur die nevens de onkoste Reekening den gezaghebber apard verzeegeld inhandigt is. wij hebben daar in afgelaaden de zijde Stoffen bekend gesteld op de daar van gevormeende en door gedagte gezaghebber getekende Cog„ =noscement factuur Groot ƒ 4414. 13„ 8. dit is 't eenigste wijl tot nog toe geene lange goenijs zijn ontfangen dat wij uyt hoofden den schaarsheijd van Contanten in staad geweest zijn, te kunnen voldoen op uwelEd:s eijsch van 't gepasseerde Jaar en hoope dat 't zelve na genoegen zal bevonden werden. Voor twee Jaaren is uijt Eunopa alhier aengekomen den Vendrig Hans Swanevretz, die mits ons gering Guarnisoen in deese directies van geen dienst zijn kan en in hoope van op sms Eijlon geplaatst te kanden zullen kunnen wonden verzogt heeft met zijn vrouw naderwaarts te moogen overvaaren; wij hebben daar in geac„ condeerd en verzoeken Uwel Ed:s hem des mooge„ „lijk aldaar te willen emploijeeren ofte anders vindens Transport na Batavia. Jn zelve voegen hebben wij toegestaan met dit aenge Kieltje

NL-HaNA_1.04.02_10017_0473 view scan ↗

English

keel to transport the young assistant Albert Hendrik Fiesser, who, upon the expiration of his contract, requested and obtained from us his discharge to Europe, because he lacks the opportunity to profit from it here, which he hopes to find in Cijlon on one of the return ships. In addition to some packets for Mallabaar, Souratta, and Palliakatta, for which we request a favorable forwarding, we also add here three outer packets addressed to Your Honors, brought here under the papers of the ship Straalen, previously destined from Europe for this Directorate, which, having met with adversity, was unable to reach the Ganges and arrived at Bimilipatnam, from where its letters and papers were sent to us overland. We likewise take this opportunity to congratulate the Honorable Mr. van d' Graaff most cordially on obtaining the illustrious dignity of Ordinary Councilor of the Dutch Indies, and wish His Honor the best of blessings, both upon His Honor's person and the weighty governance entrusted to his care. We have the honor to call ourselves with all high esteem, was undersigned, Noble, Valiant, Righteous, Wise, Prudent, Most Discreet Sir and Friends, Your Honors' very obedient friends and servants, was signed, I: Titsingh, J: W: S: van Waugwitz, I: Frederik, A: G: Kraijenhoff, I: Eijlbracht, F: Wieman, and I: C: Heijning, in the margin, Houglij in Bengale, the 11th of February 1789. Sijbrands First Sworn Clerk Agrees. Bengale Examined Master Isaac Titsingh Extraordinary Councilor of the Dutch Indies, Director over the Company's trade and operations, together with the Council at Houglij. To the Honorable Gentleman Noble, Valiant, Righteous, Wise, Prudent, Most Discreet Gentlemen, Friends. We have the honor herewith to present to Your Honors our requisition of necessities for the benefit of this government for this year, with the friendly request that it may be fulfilled by you as closely and as soon as possible. Furthermore, we also let this be accompanied by a letter packet addressed to Your Honors, brought by the ship Berkhout from Souratta, and the duplicate of our letter of the 11th of December of the previous year, No. 43. After the ship Straalen had already departed from Gale on the 26th of December of the past year to pursue its voyage to Bengale, the captain of that vessel, Gerardus Masson, arrived at Trinkonomale on a private vessel, together with the crew members who remained behind with him at Bimilipatnam, all listed in the enclosed list of names. Upon the report received thereof, to the same as above, we immediately wrote to the officials at Trinkonomale to inform the said Captain Masson that he could do no better than to return as soon as possible, in order to rejoin his designated vessel with his crew, with the exception of the cadet Steupner, the three soldiers, and seven sailors mentioned on the aforementioned list, whom we have authorized the Trinkonomale officials, upon their proposal made to that effect, to retain there. Wherefore we request Your Honors to have their pay accounts closed in the ship's books and sent to us when opportunity offers, together with the pay accounts of the crew who remained behind on the said vessel at Gale, of which the list of names has been delivered to Your Honors by the Gale officials. To the same as above. For the payment of a small batch of rice purchased here, we have found ourselves obliged to draw a bill of exchange upon Your Honors in the amount of two thousand nine hundred forty-two and six-sevenths, that is 2942. 7. Sicca rupees, to be paid to the burgher Johan Carel Lodewijk Blume, for which the Houglij office has been credited here with 3823 guilders, 17 stuivers, and 8 pennies, which we very kindly request you to honor with payment. We herewith present to Your Honors triplicates of our letters of the 12th and 24th of September 1788 and the 10th of February, and a pay note of the 23rd of February last. For the rest, after friendly greetings, we remain, was undersigned and signed as above, in the margin, Kolombo, the 24th of March 1789. With the arrival of the sloop Chinsura at Trinconomale, we had the honor to receive Your Honors' esteemed letters of the 11th of February of this year. For the rest, after friendly greetings, we remain, was undersigned, Noble, Valiant, Righteous, Wise, Prudent, Most Discreet Sir and Friends! Your Honors' very obedient friends and servants, was signed, W: J: van de Graaff, J: P: C: Jelenius, G: E: Holst, M: P: Raket, J: Reintous, and B: L: van Zitter, in the margin, Kolombo, the 10th of February 1789. No. 7

Dutch transcription

Kieltje over te vaaren den Jong assistent Albert Hendrik Fiesser die mits expi„ „natie van zijn verband zijne verlossing na Eu„ „ropa van ons verzogt en verkreegen heeft daer waar van te profiteeren hem hier de gele„ „genheijd ontbrukt, die hij hoopt op Cijlon met een der retour scheepen te zullen vinden. Neevens eenige paketten voor de Mallabaar Souratta en Palliakatta voor welke wij een gunstige voortschikking verzoeken, voe„ „gen wij hier nog bij dnie Buit paketten aen Uw: WelEdelens geaddresseerd alhier aengebragt, =der de papieren van 't voordeezen Directie uijt Europa gedestineerde Schip Straalen dat don ontmoete tegenspoede de Ganges niet, heeft kin „nen bereyjken en te Bimilipatnam aengekoom is van waar ons dies brieven en papieren over Land toe gezonden zijn: wij neemen deese gelegendheijd teevens waar, Den Edele weer van d' Graaff op 't welmenendst te vergelukken met de verkreegene luijsterrijke waardighijd van Raad ordinair van Nederlands Jndien en winschen zijn Edele de beste der Zegeninge toe, zo over zijne Edelens persoon als 't gewigten bestier aan zijne zorgen toebetrouwd. Wij hebben D' Eere ons met alle Hoogagting te noemen /:onderstond:) Edele Erntfeste Man„ hafte wijze voorzienige zeer Discreeten Heer en vrienden uwer wel Edelens zeer Dienstwillige vrienden Dienaaken /:was geteekend:) I: Tit„ „singh, J: W: S: van Waugwitz I: Frederik A: G: Kraijenhoff, I: Eijlbracht, F: Wieman, en I: C: Heijning /:in margiine:/ Houglij en Bengale den 11 Februarij 1789. Sijbrands V S Egklerk Nt Accordeert =sterk: Bengale Nagezien M:r Isaac Titsingh Raad extra ordinair van Neder„ landsch jndien, Derekteur over 'sComp: handel en omme„ slag, Nevens den Aan den E: Heer Raad Houglij Edelen, Erntfesten, Manhaften, wijzen, voorzienigen, zeer Dis„ kreeten Heeren Vrienden. Wij hebben de eere Uwel Edelens hier nevens aente„ bieden onsen eisch van benodigtheeden ten behoeve van dit gouvernement, voor dit jaer, met vriendelijk verzoek, dat ul daer aen zoo na mo„ gelijk te spoedigste mag worden voldaen. Voorts laeten wij, deeze nog verzellen een brief paket aen uwel Edelens geregt, met het schip Berkhout van Souratta aengebragt, en het duplikaet van onsen brief van den 11: xber: pa p:o N:o 43: Na de Na dat 't schip Straalen reeds den 26: december p:a j:o van Gale was vertrokken, om zijne rijse na Bengale te vervorderen, is met een particulier vaartuijg te trinkonomale aen „gekoomen der kapitein van dien boodem Geraa„ dus Masson, nevens de manschappen die met hem op Bimilipatnam zijn terug geblee„ „ven, alle vermeld bij de ingesloote naemlijk wij: hebben op het daer van ontvangen berigt (an als vooren. de bedienden te Trinkonomale ten eersten aenge„ schreeven, om gem: Cap:t Masson aente zeggen dat hij niet beter konde doen dan hoe eer zoo beeter terug gaen, om met zijne man„ schappen weder op zijn beschijde bodem te geraeken, uijtgesonderd de kadet steupner, de bij de voorsz: lijst vermelde drie soldae te en seven mattroose, dien wij de Trinke nomaelsche bedienden op hun daer toe gedaen voor „stel hebben gekwalificeerd. aldaer temoogen aen houden weshalven wij uwel Edelens verzoeken hunne zoldij reekeningen bij de scheeps boeken te willen doen afsluijten, en ons bij gelegent„ heid toezenden, nevens de zoldij reekeningen van de manschappen, die gem: bodem te Gale zijn terug gebleeven, waer van de naem „ Aan als vooren lijst door de Gaalse bedienden aen uwel Edelens is bezorgt. Tot het afbetaelen van een kleine partij rijst die hier is ingekogt, hebben we ons gevonden in de noodzaekelijk„ heid om op uwel Edelens te trekken een assignatie groot twee duijzend negen hondert twee en veertig en ses zevende zegge 2942. 7. Sicca ropijen om aen den burger Johan Carel Lodewijk Blume teworden be„ taeld, waer voor het kantoor Houglij hier is gekre„ diteerd met ƒ 3823. 17. 8. dewelke we zeer vrien„ delijk verzoeken met betaeling te vereeren. Wij bieden uw wel Edelens hierneevens aen triplikaeten van onze brieven van den 12: en 24: 7ber: 1788. en 10: febr: en een zoldij notitie van den 23: febr: J:o„ leeden. Wij blijven voor het overige na vriendelijke groete /:onderstond:/ en /:geteekend:/ als vooren /:in margie„ ne: kolombo den 24: Maart 1789. Met de arrive van de sloep Chinsura op Trincons„ male hebben we de eere gehad te ontvangen Uwer„ wel Edelens geagte letteren van den 11: februarij Wij blijven voor 't overige na vriendelijke groete /:onderstond:/ Edelen, Erntfesten, Manhaften, wij„ „zen, voorzienigen zeer Diskreeten Heer en vrienden! uw Ed:s DW: Vriend en Dienaeren /:was geteekend:/ W: J: van de Graaff, J: P: C: Jelenius, G: E: Holst, M: P: Raket, J: Reintous en B: L: van Zitter /:in margine:/ kolombo den 10: Februarij 1789. deezes N 7

NL-HaNA_1.04.02_10017_0477 view scan ↗

English

of this year. We thank Your Honours for the silk fabrics sent to us therewith, and copies of Your Honours' letters to the fatherland and Batavia, and we hereby offer Your Honours copies of our advices to the Lords Masters and Their High Excellencies of the year 1788, together with the duplicate of our last letter of 24 March of this year and an invoice of 24 June last amounting to f 2733: 17., with which we request you to act according to custom. We have duly addressed the received letter packets for Mallabaar, Souratta and Palleakatta. We request you to inform us until what date the ensign Hans Swaanefaetz enjoyed his board money and emoluments there, and the assistant Giesler his board money. The first undersigned governor thanks Your Honours in the most sincere manner for the congratulations offered on his promotion to ordinary councillor of the Netherlands Indies. For the rest, after friendly greetings, we remain. To the same as before. /:subscribed:/ and /:signed:/ as before /:in the margin:/ Colombo, 15 July 1789. The Noble High Indian Government has notified us of the resolution of the Lords Masters to employ packet boats for the carriage to and fro of letters, with instructions to inform Your Honours of the determined departure time of the packet boat, which is destined to make two voyages from Ceylon to the Cape of Good Hope from the month of February to the month of November, To the same as before so that Your Honours may send your papers for the fatherland to Ceylon in time. The packet boat destined for Ceylon has not yet arrived here, and we can therefore not determine for certain when it can be dispatched, but it serves meanwhile for Your Honours' information that if this vessel should arrive here in this or the coming month, we shall then have it make the first voyage to the Cape by the end of the coming month. In the uncertainty whether Your Honours have already been provided with the plan regarding the employment of the packet boats, we enclose a copy thereof herewith, and as soon as we shall have regulated the fixed departure dates of the Ceylon packet boat for the future, we shall give Your Honours further notice thereof. For the rest, after friendly greetings, we remain— /:subscribed:/ and /:signed:/ as before. /:in the margin:/ Colombo, 5 August Ao 1789. /:P: S: We also add hereto our duplicate letter of 15 July last. According to the promise in our letter of 5 August last, we now inform Your Honours that we have determined the departure dates of the packet boat to the Cape of Good Hope for the future to be mid-May and ultimo August. On 31 August last, the newly built ship Het Spaarne, destined for Bengal, arrived in the bay of Gale, having suffered great damage to its rigging due to having endured the most severe storm, as appears from the enclosed extract from the Gale letter of the 1st of this month, to which we refer. We have immediately ordered the officials at Gale to have this ship promptly repaired, so that it may continue its voyage to Bengal. For the rest, after greetings, we remain. /:subscribed:/ and /:signed:/ as before /:in the margin:/ Colombo, 4 September 1789. Captain Stoette as well as our master attendant at Gale seemed to have considerable hesitation whether the ship Spaarne, now that the west monsoon has advanced so far, could undertake the voyage to Bengal with safety; we have therefore, by letter of the 12th of this month, an extract of which is enclosed herewith, ordered the officials at Gale to request the written advice regarding this matter from master attendant Abo, as well as from the captains of the ships Den Arend and Het Spaarne, and from the former Bengal chief pilot Van Veen, who came out with Het Spaarne. These nautical experts have declared in a report, which accompanies this in copy, to be of the opinion that the ship Het Spaarne cannot depart now without exposing itself to dangers, and that it should therefore remain at Gale until the coming month of December. Our master attendant Andringa, and the captains of the ships De Zaanstroom and Trinconomale, have conformed to that advice, in a report that also accompanies this in copy. We have therefore, in our deliberation held thereon, To the same as before. resolved, in accordance with the aforesaid advices, to let the ship Het Spaarne remain at Gale until the month of December, in order to then continue the voyage to Bengal, and we have the honour to inform Your Honours thereof hereby. For the rest, after friendly greetings, we remain /:subscribed:/ and /:signed:/ as before /:in the margin:/ Colombo, 27 December 1739. The Noble High Indian Government has instructed by dispatch of 17 April last to make an arrangement for maintaining a regular correspondence with the other offices to the west of India. We have therefore, in the session of 16 October last, as appears from the enclosed extract of our resolution, resolved to dispatch a letter to Your Honours every three months, beginning with the end of December coming, whether there is something to communicate of which it is of any importance that Your Honours be promptly informed thereof, or not, since it can sometimes also have its usefulness for the western offices to know mutually from one another that nothing has occurred. These letters of ours will be sent via Tuticorin by the English posts, addressed solely to the Lords Chief Commanders,

Dutch transcription

deezes Jaars. Wij bedanken uwel Edelens voor de daarmede ons toegezondene zijde stoffen, en Copijen van Uwer welEd:s brieven na het vaderland en Batavia en bieden uwelEd:s bij deezen aen Copijen onzer advijsen aan de Heeren meesters en Hunne Hoog Edelheden de A:o 1788:, neevens het duplicaat onzer laaste van den 24: maart deezes jaars en een faktuur van den 24: Iunij Jongstleeden groot ƒ 2733: 17. waermeede wij verzoeken na den gebruijke te willen doen handelen. De ontvangene brief paketten voor Mallabaar, sou„ ratta en Palleakatta hebben we behoorlijke addresse verleend. Wij verzoeken ons tewillen bedeelen tot hoe lan„ ge de vaandrig Hans Swaanefaetz aldaar zijn kostgeld en emolumenten en de assistend Gies„ ler kostgeld genooten hebben. De eerst ondergeteekende gouverneur bedant uwel Ed op de welmenendste wijze voor de gedaane filici„ tatie met desselfs promotie tot raad ordinair van Nederlandsch Jndien Wij blijven voor 't overige na vriendelijke groe Aan als vooren. te. /:onderstond:/ en /:geteekend:/ als vooren /:in„ margiene T kolombo den 15: Julij 1789. De Edele Hooge Jndische regeering heeft ons kennis gegeeven, van 't besluijt van de Heeren meesters, om tot 't over en weeder brengen van brieven, paquetbooten te emploijeeren, met last om aan Uwel Edelens te informeeren, van den bepaal„ den vertrek tijd der paquet boot, die bestemd is om van de maand februarij tot de maand Aan als vooren november, twee togten Ceilon na de Caab der goe„ de hoop te doen, ten einde uwel Edelens derzelver papieren voor 't vaderland, in tijds naar Ceilon zenden. De voor Ceilon bestemde paquet boot is hier nog niet aangekoomen, en we kunnen dus niet voor vast bedaalen, wanneer dezelve kan gedepecheerd worden, dog dient intusschen tot uwel Edelens nadigt, dat zoo dit vaartuijg in deeze of de aanstaande maand hier mogte aankoomen, wij als dan 't zelve met 't laast van de aanstaan„ de maand de eerste togt na de Caal zullen laaten doen. In de onzekerheid of Uwel Edelens reeds voorzien zijn van 't plan, nopens 't emploij der paquet„ boten voegen wij daar van een afschrift hier ne„ vens en zoo daa wij de vaste sijddaagen van de Cijlonsche paquet boot, voor den aanstaande zullen hebben gereguleerd zullen mij uwel Ede„ lens daar van naader kennis geeven. Wij blijven voor 't overige na vriendelijke groete- /:onderstond:/ en /:geteekend:/ als vooren. /: in maa„ giene:/ kolombo den 5: Augustus Ao 1789. /:P: S: Wij voegen nog bij deezen onzen duplicaat letteren van den 15:e Iulij Iongstleeden. Volgens belofte bij onsen brief van den 5: aug:s I: L:, geeven wij Uwel Edelens tans berigt, dat we de vertrekdagen van de paket boot na de Caab der goede Hoop, voor den aanstaande hebben bepaald, op medio maij en ult:o augustus. Den 31: aug:s J:L: is 't voor Bengale gedesteneerd baars schip 't spaaren, in de baaij van Gale aangekoomen, hebbende door een uijtgestaane aller swaarst ouweer, groote schade aan zijn tuijg gelee„ november, „den E geleeden, gelijk blijkt bij 't ingeslooten extrakt uijt de gaalschen brief van den 1: deezer waar aan wij ons refereeren. wij hebben den bedienden te Gale ten eersten aanbevoolen, om dit schip Spe „dig in staat te doen stellen, om zijne rijse na Bengale te kunnen vervolgen Wij blijven voor 't overige na groete. /:on„ derstond:/ en /:geteekend:/ als vooren /: in ma giene:/ kolombo den 4: 7ber: 1789. De Kapitain stoette zoo wel als onzen Equipa van als vooren. giemeester te gale scheenen merkelijk bedenken te dragen wet of 't schip spaarne, nu de west„ moussoen zoo verre verloopen is, met gerusthijd de aijze na Bengale konde onderneemen, we heb ben mitsdien bij brieve van den 12: deezer, waar van extrakt hierneevens gaat de bedienden te Gale gelast, om zoo wel van den Equipag meester Abo, als de Capitains van de scheep den Arend en Het spaarne, en van den gew: Bengaalschen opperloots van veen, die met het spaarne uijtgekoomen is, daar omtrent hun schriftelijk advies te vraagen Deeze zeekundigen hebben bij een berigt, dat in Copij deezen verzeld, verklaard, van advies te zijn dat 't schip het spaarnenu niet kan ver„ trekken, zonder zig aan gevaaren te expoire ren, en dat het mitsdien te gale behoord te blijven leggen, tot de aanstaande maand de„ cember. Onze Equipagiemeester Andrin„ ga, en de Capitains van de scheepen de zaan„ stroom en Trinconomale hebben zig met dat advies geconformeerd, bij een berigt, dat meede in Copia deezen verzeld. Wij hebben derhalven in onze daarover ge„ Aan als vooren. gehoudene deliberatie beslooten, om overeenkom„ stig met de voormelde adviesen, 't schip Het spaarne tot de maand december te gale tlaa„ „ten vertoeven, om als dan de rijse na Bengale voorttezetten, en wij hebben de eere, uwel Edelens daarvan bij deeze te informeeren. Wij blijven voor het overige na vriendelijke groete /:onderstond:/ en /:geteekend:/ als vooren /:inmargiene:/ kolombo den 27: xber: 1739. De Edele Hooge Indische regeering heeft bij mis„ sive van den 17: April J:o Leeden aengeschreeven om eene schikking te maeken ter onderhou„ ding van eenen geregelde Correspondentie met de overige Cantooren om de west van indie. We hebben daerom ter sessie van den 16: october J:o Leeden blijkens ingeslooten Extrakt onzer resolutie, beslooten om alle drie maenden, te beginnen met ultimo december aenstaen de, aen uwel Ed=s een brief te laeten afgaen het zij dat er iets te bedeelen zij waer van het van eenig belang is, dat uwel Ed=s daer van spoedig zijn geinformeerd, of niet, wijl het ook zelfs zomtijds zijne nuttigheid voor de westersche kantooren hebben kan onderling van malkanderen te weeten dat er niets voorgevallen is. Deeze onze brieven zullen worden afgezonden over Tutukorijn met de Engelsche posten beschreeven alleen aen de Heeren Hoofdgebieders, houdene

NL-HaNA_1.04.02_10017_0479 view scan ↗

English

and sealed with the private seal of the first undersigned governor; and the letters for Souratta shall be addressed to Koetsien with a request to the Gentlemen Ministers there to forward the same along the shortest and most convenient route, whether via Bombaij or directly to Souratta. We kindly request Your Honours to consider whether Your Honours, to fulfill the aforementioned intention of Their High Excellencies, might not likewise see fit, in the aforementioned manner, to dispatch a letter to this government every three months. Since we have received by the ship Trinkonomale a directive determining the departure dates of the packet boats, we herewith offer Your Honours a copy thereof, at the same time communicating that we have accordingly decided to dispatch the Ceylon packet boat on 1 May and 1 October. And since it may be useful to those who choose to send their private letters from there via Ceylon to know the arrangements we have made in that regard for this government, we also attach hereto a copy of the plan adopted for that purpose by our aforementioned resolution. For the rest, after friendly greetings, we remain. Was below and signed as before. In the margin: Kolombo, 3 November 1789. Below: P.S. We also offer Your Honours herewith the duplicate of our letter of 27 December last, and a letter received from the fatherland for Your Honours by the ship Trinkonomale. The ship 't Spaarne being due to depart from Gale in the coming days to complete the voyage to Your Honours' direction, we thus address this as an escort to the same. Concerning the rebuilds, repairs, and provisions that were made to this vessel at Gale, we refer to the incoming reports from the express commissioners who surveyed the ship and its rigging and sails, and to the sworn statements of the ship's officers themselves, which are conveyed in copy among the appendices, with the copies of the resolutions taken thereon by the Gale officials on 12 and 15 September last. Since this ship required a supply of provisions, the authorities at Gale have accounted for their consumption on the outward voyage. This account has been examined, and the report received thereon is inserted in the Gale resolution of the 8th of this month, which has been approved by us and is enclosed herewith in copy. The provisions received in the Netherlands for consumption on the voyage home, we have allowed to remain on board. We have ordered the officials at Gale to send the trumpeter François Gabriel Granier, who remained behind there last year from the ship Straelen due to illness, thither with the bearer of this, and at the same time to record the provisions furnished to him, if his pay account is not at hand, in order that he may be debited for them. For the rest, after greetings, we remain. Was below and signed as before. In the margin: Kolombo, 28 November 1789. Below: P.S. We also offer Your Honours herewith the duplicate of our last of the 3rd of this month and a packet addressed to Your Honours with private letters marked P.B. To the same as before. The Noble Worshipful Gentlemen Directors of the presiding Chamber of Amsterdam have informed us by missive of 5 February of this year of the objective of Their High Mightinesses in dispatching the military commission, which has already arrived on the outer roadstead of Gale on the 1st of this month with the frigates the Zephir and the Havik, and of what must be observed in the Indies regarding the same commission, at the same time with orders to give notice thereof to Your Honours as well. We therefore offer Your Honours enclosed herewith a copy of the aforementioned missive, alongside copies of the two memoranda received therewith, so that Your Honours may act accordingly. We also offer Your Honours herewith our requisition of necessities for the year 1790, the fulfillment of which at your convenience we kindly request; the duplicate of our last of 28 November last; and three letters directed to Your Honours marked P.B., brought from the Cape of Good Hope by the aforementioned frigate the Zephir. For the rest, after friendly greetings, we remain. Was below and signed as before. In the margin: Kolombo, 9 December 1789. Agrees Checked Woutersz No. 44 To the Right Honourable, Right Worshipful Sir, Noble, Steadfast, Valiant, Wise, Prudent, Very Discreet Sir and Friends, Kolombo. Willem Jacob van de Graeff, ordinary councillor of the Dutch Indies, as well as governor and director of the island of Ceilon, the coast of Madure, and its dependencies, together with the Council. Having initially the honour to congratulate the Right Honourable, Right Worshipful Lord Governor as respectfully as sincerely upon his promotion to ordinary councillor of the Indies, we wish that His Right Honourable, Right Worshipful, in occupying this distinguished office, may always meet with everything that can fulfill his reasonable wishes. We further have the pleasure to inform Your Right Honourable, Right Worshipful and Honours by this means that we have loaded into the ship Berkhout, which is presently departing from here for conveyance to Gale, Sijbrands Second Clerk

Dutch transcription

en verzeegeld met 't particulier Cachet van den erst ondergeteekende gouverneur en zullen de brieven voor souratta wor„ den geaddresseerd na koetsien met verzond aan de Heeren Ministers aldaer om dezelve langs den kortsten en bekwaamsten weg voort tezenden 't zij over bombaij dan wel direkt na souratta: Wij verzoeken uwel Edelens vriendelijk in be denking te willen neemen, of uwel Edelen ter voldoening aen de voorsz: intentie van hunne Hoog Edelheeden niet insgelijks zoo tan als vooren den kunnen goedvinden, invoegen voorsz: alle drie maenden een brief aen dit gou„ vernement te laeten afgaen. Vermits we met 't schip Trinkonomale een aenwijzing hebben ontvangen bepaelende de vertrek daegen van de paket booten bieden wij uwelEdelens een afschrift daer van hier nevens aen, met kommunikatie teffens dat we over eenkomstig daer„ meede hebben beslooten de Ceilonsche pa„ het brot op den 1: maij en 1: 8ben: te de„ becheiden. En wijl 't den geenen, die hunne partikuliere brieven van daer over Ceilon verkiesen te zenden, van nut kan zijn teweeten de schik„ kingen die we daer omtrend voor dit gouver„ gouvernement hebben gemaakt, volgen wij nog hier bij een afschrift van 't projekt daer toe bij voorsz: onse resolutie g'arresteerd. Wij blijven voor het overige na vriendelijke groete. /:onderstond:/ en /:geteekend:/ als vooren /:inmargiene:/ kolombo den 3: Novem„ ber 1789. /Lager:/ P: S: Wij beeten uwelEd:s hier neevens nog aen het duplikaet van onsen brief van den 27: xber: Joleeden en een brief met het schip Trinkonomale uijt het vaderland voor uwel Ed:s ontvangen. 'T schip 't Spaarne eerst daegs van Gale zullende vertrekken, om de rijze na uwer„ wel Edelens directie te volbrengen, zoo digten we deezen ten geleide van 't zelve. Nopens de vertimmeringen, reparatien en verstrek„ kingen, die aen deezen bodem te Gale zijn gedaen, refereeren wij ons aen de ingekoomene Rapporten van de expresse gecommitteerdens, die 't schip en dies tuijg en zijlen hebben gevisiteerd, en aen de be-eedigde verklaeringen van de scheeps over„ heeden zelve, welke in Copia onder de bij„ laegen overgaen, met de afschriften van de resolutien, door den gaalsche bedienden den 12: en 15: Zeptember I:o L: daer op genoomen Wijl dit schip eene verstrekking van provisien nodig had, hebben de overheeden te Gale ver„ nement antwoorden verantwoording gedaen, van hunne Consum tie op de uijtzijze. Deze reekening is ge„ examineerd, en 't daar van ingekoomen berigt is geinsereerd in de Gaalsche resolutie van den 8: deezer, die door ons geapprobeerd is, en in Copia hiernevens gaet. De in Nederland ontvangene, paovisien, tot consumtie op de thuijs rijse, hebben we binnen boord laeten blijven Wij hebben den bedienden te Gale gelast„ om den trompetter François Gabriel Granier, die niets ziekte, van 't schip straelen voorleeden Jaer al„ daer is terug gebleeven, met brenger deezes na derwaerds te zenden, en ter„ fens aentereekenen de verstrekkingen aen hem gedaen, indien zijne zoldij reeke„ ning niet aenhanden is, om daer voor te kunnen worden belast. Wij blijven voor het overige na groete. /:onderstond:/ en /:geteekend:/ als vooren /:inmaagiene:/ kolombo den 28: Novem„ ber 1789. /:Lager :/ P: S: Wij bieden Uw„ welEdelens hiernevens nog aen het duplikaet onzer laatste van den 3: dee„ zer en een paket beschreeven aen uw wel„ Edelens met particuliere brieven ge„ merkt P: B. Aan als vooren. De Edele Agtbaare Heeren Bewindhebberen ter precidiaale kamer Amsterdam, heb„ ben ons bij missive van den 5: februarij deezes jaers g'informeerd, van 't oogmerk van Hunne Hoog Mogenden in 't uijtzende van de militaire Commissie, die reeds met de fae„ gatten de Zepthir en de Havik, den 1: deezer op de buijten reede van Gale is gearriveerd, en van 't geen nopens dezelve Commissie in Jndiën moet worden geobserveerd, met last tef„ fens, om ook daarvan aan uw wel Edelens kennis te geeven. We bieden derhalven Uw„ wel Edelens hier ingeslooten aen, een afschrift van voorsz: missive, nevens Copijen van de daermede ontvangene twee memorien, op dat uw wel Edelens zig daarna kunnen rigten. Ook bieden we uw welEd:e hiernevens aen onsen eisch van benodigdheeden voor het Jacr 1790:, welkers voldoening bij geleegentheid we vriendelijk verzoeken, het duplikaet onser laatste van den 28:' November Jongstleeden en drie brieven aen UE: gekigt gemerkt P: B: met voorsz: fregat de zepher van de Calib de goede Hoop aengebragt. Wij blijven voor het overige na vriendelijke groete. /:onderstond:) en /:geteekend:/ als vooren /:inmargiene:/ kolombo den 9: Decem„ Aan ber December A o 1789. Accordeert Aan den wel Edelen groot agtb: hier Nagezien Woutersz: No: 44: Aanvankelijk de eer hebbende om den wel Edelen groot agtb: heer gouverneur zoo respektueus als welmeenend te Contraguleeren met desselfs promotie tot raed ordinair van jndien; wenschen wij dat zijn wel Edele groot agtb:, in de bekleeding deezen aanzienlijke waardigheijd steeds mag ontmoeten met alles wat zijne reedelijke wenschen kan vol= maeken. Hebben wij verders het Vermaek uwel Edele groot agtb: en Ed:s door deesen kennis te geeven, dat wij in het schip Berkhout, zoo tans van hier vertrekt ter overbreng na: Gale hebben afge Edelen, Erntfesten, Manhaften wijzen, voorzienigen, zeer dis¬ kreeten heer en vrienden Kolombo Willem Jacob van de Graeff, raed ordinair van nederlands Jndien, mitsga „ders gouverneur en direkteur van het eiland ceilon, de kust van Madure, en dies onder„ hoorigheeden beneevens den Raad. laeden Sijbrands BVlijklerk :

NL-HaNA_1.04.02_10017_0482 view scan ↗

English

laden with linens, cotton yarns etc., an amount for the Netherlands for - - - - - - - - - - - - ƒ 159749: 10. the Cape of - - – – – – – – – – – – - „ 62439: 10: And for the government of Ceylon in satisfaction of the requisition dated 20 November 1787: - - - - - - - - - - - - - - „ 1420: 6: of which all the invoice with the bill of lading and the memorandum of gross weights have been sent by us to the ministers at the aforementioned Commandment. We also embrace this opportunity to present to Your Honours, the Right Honourable and Respected, the copies of the letters sent by us to the gentlemen of the Major Directors and to their High Honours' delegates under date of 8 January of this year, and the duplicate of our last of 15 April following thereupon. While we, in obedient rescription to Your Honours, the Right Honourable and Respected's missives of 8 January, 9 March, 31 May, 8 July, and 6 December, all of this year, which were received by us altogether only on the 23rd of this month, have the honour to communicate to the same that we shall have the amount of the sent memorandum of repayment, amounting to ƒ 4225, handed over from the treasury to the Director, and that we have already in the past month of May paid the bill of exchange of rupees 5570 1/10 drawn on us payable to the captain of the English vessel named Scheldrake, [illegible] Rijmonbix. Offering our most obedient thanks to Your Honours, the Right Honourable and Respected, for the dispatch of the packets received at the same time, we request the same to be pleased to receive from the chief administrator Peter Sluijsken: the enclosed draft in the amount of rupees 39589: 3, which sum we have paid from the treasury to the Persian merchant Kaautjen Rustum upon his request made for that purpose. With which we have the honour to be with deep respect Noble, Stern, Valiant, Wise, Prudent, Most Discreet Gentlemen and Friends, Your Honours, the Right Honourable and Respected's most humble and obedient servants, was signed: A. I. Sluijsken, M. Monte, E. N. Wiardi, E. Meijer, G. Pieper, G. Roeff, C. Lijnis. In margin: Surat, 31 December 1788. Lower down: P.S. We also enclose herein a small invoice for the credit of one guilder. To as before. The French merchant Montouroij having presented himself to us with an urgent request that we would pay him such sum of three thousand four hundred twenty-six guilders and four stuivers, as for which on 23 December of the previous year by Your Honours, the Right Honourable and Respected, was granted to him a draft in duplicate on the Right Honourable and Respected Gentlemen Directors at the Assembly of the Seventeen, payable after the spring sale of 1790 to Messrs. Arroij and Oranger in Amsterdam, we have consented to that request, on the grounds that the said Montouroij found himself in the necessity to negotiate this draft here against cash, and that it must be detrimental to the credit of the Company in this place if such paper were offered for sale among the natives, and we accordingly had the aforementioned sum paid to him against the surrender of the first and second draft itself and the delivery of the power of attorney executed by him at Ceylon; wherefore we have the honour to present herein to Your Honours, the Right Honourable and Respected, a memorandum of account of the said ƒ 3926: 4: —, with the second draft properly receipted by him, and the related power of attorney, the first draft having remained in our possession until a following opportunity. Furthermore, we take the liberty to let this be accompanied by the duplicate of our last of the past 31 September of the aforementioned year, and have the honour to be with much respect, beneath was written and signed as before. In margin: Surat, 29 March in the year 1789. By Sijbrands, sworn clerk. Agrees, J. 2 No. 45 Examined Surat Maas To the Honourable Gentleman Mr. Abraham Jozias Sluijsken, Director over the Company's trade and affairs, together with the Council there. Honourable, Noble, Stern, Valiant, Wise, Prudent, Most Discreet Gentleman and Friends! We have had the honour to receive, one after the other, Your Honours' esteemed missives of the 15th of April and 31st of December past, of which the latter was brought to us by the ship Berkhout, which arrived at Galle on the 4th of this month, after our last return ship had already departed the day before, so that we must hold over the goods received with it for the Fatherland and the Cape until the month of November next. The first-signed Governor thanks Your Honours kindly for the well-meaning congratulations on his promotion to Ordinary Councillor of the Dutch Indies, and we likewise thank Your Honours for the sent goods.

Dutch transcription

„laeden aan lijwaaten, katoene gaerens enz: een bedraegen voor nederland voor - - - - - - - - - - - - ƒ159749: 10. de Cacb van - - – – – – – – – – – – - „ 62439: 10: En voor het gouvernement Ceilon in voldoening van den Eijsch gedateert den 20: 9ber: 1787: - - - - - - - - - - - - - - „ 1420: 6: : van welk een en ander de Caktuur met het Cognos- sement en de memorie Een bruito gewigten aan de ministers ten voorsz: Commandemente door ons zijn toegesonden. Wij om helsen deese geleegentheijd tevens om uwel Edele groot agtb: en Ed:s aantebieden de afschriften der door ons aan de heeren majores en dan haar hoog Edelh:s afgevaardigde letteren sub dato 8' Januarij deeses Jaars, en het duplicaet onder laatste van den 15:' april daar dan volgende Terwijl wij in gehoorzaeme reshriptie op uwel Edele groot agtb: en Ed:s missives van den 8: Januari 9:' Maart, 31: Maij 8:' Julij en 6:' xber: alle deeses Jaars die bij ons te gelijk eerst den 23:' deeses ontfangen, zijn, de eer hebben deselve te Com= municeeren dat wij 't bedraegen der gezondene Memorie van te rug reekening met ƒ 4225: aan den heer Direkteur uit Cassa zullen laaten Den frans koopman Montouroij zig aan ons afgeeven, en dat wij de aan den Capitain van het engelsch vaartuijg Rijmonbix genaemt scheldraeke op ons ver= leende wissel van ropias 5570 1/10. bereeds in de maend Maij laagtleeden hebben betaalt. uwel Edele, groot agtb: en Ed:s gehoorzaemst dank zeepgende voor de toeschikking der tevens ontfangene pahetten, verzoeken wij deselve, om van den hoofd= administrateur Peter Sluijsken tewillen ont fangen: de ingeslootene assignatie ten bedraegen van rop:s 39589:/3: welke somma wij aan den Feisch koopman kaautjen Rustum, op desselfs daar daar toe gedaen verzoek uit Cassa hebben betaelt. Waarmeede de eere hebben met diep respekt te zijn /:onderstont:/ Edelen Erntfesten, Manhaften wijzen voorzienigen zeer diskrecten heen en vrienden uwel Edele groot agtb: en Ed:s zeer oodmoedige en Dienstwillige Dienaaren /:was geteekent:/ A: I: Sluijsken, M: Monte, E: N: Wiardi E: Meijer G: Pieper, G: Roeff: C: Lijnis, /:in margine:/ Souratta den 31:' xber: 1788: /:laeger :/ P:s: nog sluijten wij hier in een factuurtjen van ten goede brenging van een gulden. Aan als vooren. afgeeven: hebbende: hebbende vervoegd met instantig verzoek dat wij hem wilden betaalen sodane Somma van Drie duijzent vier hondert ses en Twintig guldens en vier stuijvers als waar voor hem op den 23:' xber: des voorigen Jaars door uwel Ed: groot agtb: en Ed=s is verleend eene assignatie in Duplo op de wel Edele hoog agtb: heeren Bewindhebberen ter vergadering van Zeventienen betaalbaar na de voorjaars ver= kooping van 1790: aan Mess:r Arroij en Oranger te amsterdam, hebben wij in dat versoek bewilligd, uit hoofde dat geseide Montouroij sig in de „ alhier noodsaekelijkheijd bevond om deese assignatie „ tegen„ Contanten te verhandelen, en dat het aan het Credit van de Maetschappije, ter deeser plaetse nadeelig zyn moest wanneer een diergelijk papier onder de inlanders de koopgevuld, wierd en hem dien volgens de voorsz: somma laaten voldoen teegen restitutie van de eerste en tweede assignatie selve en voorgaeve van de door hem te Ceilon gepasseerde Procuratie weshalven wij dan de eer hebben uwel Ed: groot agtb: en Ed:s hier inne aantebie den eene memorie van aanreekering van de geseijde ƒ 3926: 4:—. met de tweede assignatie door hun behoorlijk gequiteerd en de daar toe relatie hebbende procuratie zijnde de eerste assig natie onder ons berustende gebleeven tot een vol- gende gelegentheijd Voorts. neemen wij de vrijheijd deesen nog te doen ver- seld gaen van het duplicaet onser laatste van den verslootene 31: 7ber: des vorschreeven Iaars en hebben de eer met veel respekit te zijn /:onderstont :/ en getekent als vooren /:in margine:/ Souratta den 29:' Maart anno 1789:— Sijbrands door. V VEgjklerk Akkordeert J: 2 N: 45: Nagezien Souratta Maas Aan den E: Heer M:r Abraham Jozias Sluijsken, Dierekteur over 'skomp:s handel en ommeslag, Nevens den Raad aldaar. E: E: Erntfesten, Manhaf„ ten wijzen voorzienigen zeer Diskreeten Heer en Vrienden! Wij hebben de eere gehad, na den anderen te ontvan„ „gen uwer welEdelens geachte missives van den 15:e April en 31:e December passato, waar van de laatste ons is toegebragt met het schip Berk„ hout 't welk den 4:e deezer te Gale is gearri„ „veerd, na dat ons laatste rettoerschip reetssdaags te vooren was vertrokken, zoodat we de daar meede ontvangene goederen voor 't vaderland en de Caab, moeten aanhouden tot de maand November aanstaande. De eerstondergeteekende Gouverneur bedankt uw Edelens vriendelijk, voor de welmeenende felicitaatsie met zijne promotie tot Raad ordi„ nair van Nederlands Indie, en wij bedanken uw wel Edeles insgelijks voor de gezondene goederen

NL-HaNA_1.04.02_10017_0486 view scan ↗

English

To the same as before. To the same as before. goods for the benefit of this government and for the payment of our issued assignment to the English Captain Scheldrake, we shall have the honor to confer further with your Honors concerning the received assignments. We have granted to the English Captain of the bark the Chaalotta named Thomas Steffeson, for some goods that we purchased from him for the benefit of the Company, an assignment in duplicate for two thousand three hundred ninety-one and fifty-three sixtieths silver rupees at eight days' sight, and we kindly request your Honors to honor the same with payment. Furthermore, we present to your Honors herewith a requisition of supplies for the benefit of this government, which we respectfully request you to fulfill as closely as possible. We remain, for the rest, after friendly greetings, subscribed, Noble, Honorable, Valiant, Wise, Prudent, very Discreet Gentlemen and friends, your Honors' humble friends and servants, signed, W: J: van de Graaff, P: Sluijsken, J: P: C: Filenius, M: E: Rakit, and B: E: van Zitter. In the margin: Colombo, the 16th of February 1789. The enclosed two packets of letters, having been sent to us by the Ministers at Houglie and Paleakatta for further transmission to your Honors, we now have the honor to present the same to your Honors, and to add thereto the duplicate of our last of the 1st of March last. We remain, for the rest, after greetings, subscribed and signed, as before. In the margin: Colombo, the 11th of April, Anno 1789. This is only to advise your Honors that we have drawn an assignment upon your Honors amounting to five thousand three hundred and twenty Surat rupees, say rupees 5320, to be paid at eight days' sight to the English Captain James Nasch, for which the office at Suratta has been credited here with ƒ 6589. -. -. with an agio of ƒ 199. 14.- or 3. 3/8 per cent, which we request you to honor with payment. We remain, for the rest, after friendly greetings, subscribed and signed, as before. In the margin: Colombo, the first of March, Anno 1789. To To To the same as before. We have had the honor to receive your Honors' esteemed missive of the 29th of March last, with the account of the payment made there to the French merchant Montouroij, on the assignment granted by us to him to be paid out in the Netherlands. This man actually should have had 1386 rixdollars or rupees 2217 3/5 for goods sold at Trinkenomaale and for which the servants drew a bill of exchange upon us; but because we had no gold and silver specie, nor other desired merchandise, we granted him, upon his request, the assignment on the Netherlands which he presented to your Honors, wherein we caused to be added to the aforementioned rixdollars 1386. -. still rixdollars 204. 35. 1/2, to be accounted for by the Trinkenomaale servants to the Company, namely rixdollars 163. 7. 8 for the usual 10. 3/39 per cent discount, and rixdollars 41. 28.- for 6 months' interest on the aforementioned rixdollars 1386, at 1/2 per cent per month, because he now would have had to wait for his money, which as stated he should have received here, until the assignment was paid in the Netherlands, so that according to this assignment he was to receive in the Netherlands no more than, after deduction of the aforementioned discount, the value of rixdollars 1427. 28. -. or of rupees 2284. 1/15, being the amount of his principal and the interest calculated thereon; but as these arrangements were unknown to your Honors, there should have been paid to him there the value of rixdollars 1590. 35. 1/2 or ducatons 954. 1/160, being the amount that he, according to the assignment, with the discount included therein, had answered for here, and thus he should have received at Soeratta for the aforementioned 954. 1/160 ducatons of 80 Indian stuivers each, 2545. 7/60 rupees of 30 Indian stuivers each, but according to the account that your Honors have sent us, there have been counted out to him rupees 2855. 6, or the amount of ƒ 6426. 4. -, which would only have accrued to him in the Netherlands, and consequently 309. 3/60 rupees more than accrued to him in the broadest sense of the assignment in India. Upon the notification that the trade servants have made of this error, we have decided to have the aforementioned overpaid 309. 17/60 rupees charged back to Soeratta, as is done by the enclosed invoice, in which we have also caused to be charged another ƒ 1497. 15:-. in order by the Netherlands

Dutch transcription

Aan als vooren. Aan als vooren. goederen ten behoeve van dit gouvernement en voor de betaaling van onze verliende assig natie aan den engelschen kapitein scheldrake over de ontvangene assignaatsien zullen wede eer hebben uw wel Edelens nader te onderhouden we hebben aan den Engelschen Kapitein van de bark de Chaalotta genaamt Thomas Steffe son, voor eenige goederen die we van hem ten behoeve van de Compenie hebben gekogt, een assignaatsie in duplo verleend voor twee duizend drie honderd een en negentig en drie en vijftig sestigste p:s zilvere ropije op agt dagen sigt, en wij verzoeken uw wel Edelens vriendelijk dezelve met betaling te willen vereeren. voorts beiden wij uw welEd: hiernevensaa een eisch van benodigtheeden ten behoeve van dit gouvernement, die we gedienstig verzoe„ ken zoo na mogelijk te willen voldoen Wij blijven voor het overige na vriendelijke groete /:onderstond:/ E: E: Erntfesten Manha ten wijzen voorzienigen zeer Diskreeten Heer en vrienden. uwel Ed: D: W: Vriend en Dienaaren /:was getekend:/ W: J: van de Graaff, P: Sluijsken J: P: C: Filenius, M: E: Rakit en 23: E: van zitter /:in margine:/ ko„ lombo den 16:e februarij 1789. De ingeslootene twee briefpaketten, door de Ministers te houglie en Paleakatta aan ons toegezonden zijnde, ter verdere voort„ „schikking aan uw, wel Ed,s zoo, hebben we de eere dezelven uweledelens tans aante„ bieden, en daar bij nog tevoegen 't duplikaat van onzen laatsten van den 1:e Maart Jongstleeden. Wij blijven voor het overige na groete /:onder„ stond en geteekend:/ als vooren /:in margine„ Kolombo den 11:e April, A:o 1769. Deezen is alleen om uwEd: advies te geeven, dat we op uw Ed:s getrokken hebben een assignaat„ sie groot vijf duizend drie honderd en twin„ tig suaatsche ropijen, zegge rop: 5320:, om op agt daagen zigt teworden betaald aan den Engelschen Kapitein James Nasch, waar voor het kantoor Suratta hier is gekrediteerd met ƒ 6589. -. -. met een agio van ƒ199. 14:— of 3. 3/3. p:r C:t, dewelke we verzoeken met betaaling tevereeren. wij blijven, voor het overige na vriendelijke groete /:onderstond en geteekend:/ als vooren /:in margine:/ Kolombo Den eersten Maart A:o 1789. Aan Aan Aan als vooren Wij hebben de eere gehad te ontvangen uw welEd: geachte missive van den 29:e Maart Jongstl: met de aanreekening van de gedaane betaa„ ling aldaar aan den franschen Koopman Montouroij, op de door ons aan hem ver„ leende assignaattie, om in Nederland te worden uitbetaald. Deeze man moest eigent lijk gehad hebben 1386. rijxd:s af rop:s 2217 3/3 wegens verkogte goederen te hinkenomaale en waar voor de bedienden op om een wis„ „sel hebben getrokken; maar om dat we geene goude en zilvere spetien hadden, nog eeders gewilde koopmanschappen, hebben we op zijn verzoek, aan hem de assignatie op Nederland verleend, die hij aan uw welEd: heeft gepresenteerd, waarbij wij bij de voorsch: rd:s 1386. –. nog hebben doen voegen rd:s 204. 35. ½. om door de Trinkenomaalsche bedienden aan de komp: teworden verantwoord, namelijk rd: 163. 72. - over de gewoone 10. 3/39. p:r C:o rabat, een rd:s 41: 28: over 6: maan den intrest op voorsch: rd:s 1386. , â: 2. p:r C:t 'smaands, om dat hij na zijn geld, welk h gelijk gezegd hier had moeten ontvangen, nu zoude hebben moeten wagten, tot dat de assignatie in Nederland was betaald, zoo dat hij volgens deeze assignaattie, in Nederland niet meer moest hebben, dan na aftrek van 't voorsch: rabat, de waarde van rd:s 1427. 28. -. of van Ropijen 2284. 1/15. zijnde 't bedraagen van zijn Capitaal en de daarop be„ deekende interest: maar wijl deeze schik„ kingen uw wel Ed:s onbekend zijn geweest, hadde hem aldaar moeten betaald zijn, de waarde van ad: 1590. 35. 2. of duc: 954. 1/160. , zijn„ de 't bedraagen dat hij volgens de assignaat„ sie, met het rabat 'er onder begreepen, hier had geantwoord, en dus hadde hij voor de voorsch: 954. 1/160. ducatons van 80. indische stuivers ieder, te soeratta moeten ontvan„ „gen 2545. 7/60. ropijen van 30: indische stui„ vers ieder, maar volgens de aanreekening, die uw wel Ed:s ons hebben toegezonden, zijn hem toegeteld ropias 2855. 6. , of 't bedraagen van ƒ 6426. 4. —. dat hem alleen in Neder„ land zoude hebben toegekoomen, en mits dien 309. 3/60. ropias meerder dan hem in den ruinsten zin der assignaatsie in India toekwam op de aanwijzing, die de Negoot„ sie bedienden van dit abuijs gedaan hebben, hebben we beslooten de voorsch: meerder be„ taalde 309. 17/60. ropias, na soeratta telaaten terug reekenen, gelijk geschied bij de ingesloo„ tene faktuur, waar bij we ook hebben laaten aanreekenen nog ƒ1497. 15:—. om Nederland door

NL-HaNA_1.04.02_10017_0488 view scan ↗

English

To the same as before. to be paid into the Company's treasury there by Director Sluijsken for the account of the undersigned Governor. Furthermore, we attach hereto the duplicate of our letter of 11:e April last, and the copies of our advices to the Fatherland and Batavia, of the year 1788. For the rest, after friendly greetings, we remain, was signed below: as before. In the margin: Kolombo, 14:e Julij 1788. The Noble High Indies Government has given us notice of the resolution of the Lords Masters to employ packet boats for the conveyance of letters, with orders to inform Your Honours of the appointed departure time of the packet boat that is destined to make two voyages from Ceilon to the Caab der Goede Hoop from the month of February to the month of November, in order that Your Honours may send your papers for the Fatherland to Ceilon in time. To the same as before. The packet boat destined for Ceilon has not yet arrived here, and we can therefore not definitively determine when the same can be dispatched; however, it serves meanwhile for Your Honours' information that, should this vessel arrive here in this or the coming month, we shall then let it make the first voyage to the Caab at the end of the coming month. In the uncertainty whether Your Honours are already provided with the plan regarding the employment of the packet boats, we attach a copy thereof herewith, and as soon as we shall have regulated the fixed sailing days of the Ceilon packet boat for the future, we shall give Your Honours further notice thereof. For the rest, after friendly greetings, we remain, was signed below: as before. In the margin: Kolombo, 5:e Augustus A:o 1789. Lower down: P: S: We offer Your Honours herewith our duplicate letter of 14:e Julij last. As promised in our letter of 5:e aug:os last, we now inform Your Honours that we have determined the departure days of the packet boat to the Caab der goede Hoop for the coming year at mid-Maij and ult:o aug:o. For the rest, after friendly greetings, we remain, was signed below: as before. In the margin: Kolombo, 6:e 7ber 1789: Item as before. To the same as before. To the same as before. We have the honour to offer Your Honours herewith a small box from the Fatherland and a letter from the Caap de goede Hoop received for Your Honours by the ship Trunkenomaale, together with the duplicate of our last letter of the 6:e of this month. The Surat grains that Director Sluijsken has been so kind as to send this spring as a trial to the undersigned Governor thrive very well here. We request that there may be sent to us every year, with the ship that brings the Surat bales to Gale: ten bags of socari or nelie, and eight bags of baizeri, six bags of tiene or horsebeans. For the rest, after friendly greetings, we remain, was signed below: as before. In the margin: Kolombo, 22:e september 1789. The Noble High Indies Government has directed us by letter of 17:e April last to make an arrangement for maintaining a regular correspondence with the other offices to the west of the Indies. Since we have received no wheat from the Caab de Goede Hoop this year, and consequently have a great shortage thereof, we kindly request Your Honours to be pleased to provide us with fifty lasts of Surat wheat by the first occurring opportunity. We also request Your Honours to be pleased to let the ships returning from there call at Koetsiem to take in the rice purchased there for this government, and to transport it to Gale, from which Your Honours will nevertheless please exclude the ship carrying the return cargo for the Fatherland. For the rest, after greetings, we remain, was signed below: as before. In the margin: Kolombo, 28:e oktober 1789. To

Dutch transcription

Aan als vooren. door den Heer Dicrekteur Sluijsken voor reekening van den ondergeteekende gouver neur aldaar in 'skomp:s kas te worden betaald. Nog voegen we hier bij 't duplikaat van on zen brief van den 11:e April Jongstleeden, en de kopijen onzer advijsen nat Patria en Batavia, de anno 1788. wij blijven voor het overige na vriendelijke groete /:onderstond en getekend:/ als vooren /:in margine:/ Kolombo den 14:e Julij 1788 De Edele Hooge Indische Regeering heeft onsken uis gegeeven van 't besluit van de Heeren Meesters om tot het over en „ brengen van br ven, paquet booten te emploijeeren, met last om aan uwelEd: te informeeren van den bepaalden vertrek tijd der paquet boot„ die bestemd is om van de maand februari tot de maand November twee togten van Ceilon na de Caab der Goede Hoop te doen, ten einde uw wel Edelens derzelver papieren Aan als vooren voor 't vaderland in tijds naar Ceilon kun„ nen zenden 6 De voorceilon bestemde paquet boot is hier nog niet aangekoomen, en we kunnen dus niet voor vast bepaalen, wanneer dezelve volgens belofte bij onzen brief van den 5:e aug:os Jongstleeden, geeven wij uwel Ed:s tans berigt dat we de vertrekdaagen van de Paketboot na de Caab der goede Hoop, voor den aan„ staande hebben bepaald op medio Maij en kan gedepecheerd worden; doch dient in„ tusschen tot uwelEd: narigt, dat zoo dit vaartuig in deeze of de aanstaande maand hier mogten aankoomen, wij als dan 't zelve met het laast van de aanstaande maand, de eerste togt na de Caab zullen laaten doen. In de onzeekerheid of uw welEd:s reeds voor„ zien zijn van 't plan, nopens 't emploij der paquet booten, voegen wij daar van een afschrift hiernevens en zoo dra wij de vaste zijldaagen van de Ceilonsche paquel boot„ voor den aanstaande zullen hebben geregu„ leerd, zullen wij uwelEd: daar van nader kennis geevens. wij blijven voor het overige na vriendelijke groete. /:onderstond en geteekend:/ als vooren /:in margine:/ kolombo den 5:e Augustus A:o 1789. /:lager :/ P: S: wij bieden uwelEd:e bij deezen aan onzen dupplikaat missive van den 14:e Julij Jongstleedens. kan ult:o Item als vooren. Aan als vooren Aan als vooren. ult:o aug:o Wij blijven voor het overige na vriendelijk groete /:onderstond en getekend:/ als voo ren /:in margine:/ Kolombo den 6:e zber 1789: Wij hebbende eer uw wel Ed:s hurnevens aant bieden een kasje uit het naderland en een bri van de Caap de goede Hoop met het schip Tru kenomaale voor uw wel Ed:e ontvangen vens het Duplikaat onzer laatste van de 6:e deezer. De suratsche graanen die de Heer Dierck teur sluijsken zoo vriendelijk geweest is in dit vroegjaar tot een proef te zenden aan den ondergetekenden goeverneur, slaagen hier zeer wel we verzoeken dat ons alle Jaaren met het schip dat de suratsche pakken na Gale brengtmogen worden gezonden tien zakken socari of Nelie en agt zakken baizeri ses zakken tiene of paarde boonen. wij blijven voor het overige na vriendelijke groete /:onderstond en geteekend/ als vooren in margine:/ kolombo den 22:e septem„ ber 1789. De Edele Hooge indische Regeering heeft ons bij missive van den 17:e April J:ol: aange„ „schreeven om eene schikking te maaken ter onderhouding van eene geregelde Cor„ respondentsie met de overige kantooren om de west van Indië. vermits wij in dit Jaar geene tarwe van de Caab de Goede Hoop bekoomen hebben, en mits dien daar aan groot gebrek hebben, ver„ zoeken wij uw welEd:s vriendelijk, om ons met de eerst voorkoomende geleegentheid vijftig lasten suratsche taawe tewillen be„ zorgen Ook verzoeken wij uw wel Ed:s om de scheepen die van daar terug keeren, koetsiem te willen laaten aangieren, om aldaar de voor dit gouvernement opgedaane rijst inteneemen, en na Gale te transporteeren, waar van uw wel Ed:s nogtans gelieven, uittezonderen 't schip dat de Retouren voor 't vaderland overbrengt. wij blijven voor het overige, na groete Con„ derstond, en geteekend / als vooren /:inmar„ „gine:/ kolombo den 28:e oktober 1789. — Aan

NL-HaNA_1.04.02_10017_0490 view scan ↗

English

We have therefore resolved in the session of the 16th of October last, as appears from the enclosed extract of our Resolution, to dispatch a letter to your Honors every three months, beginning with the ultimate of December next, whether there is anything to communicate of which it is of any importance that your Honors are promptly informed, or not; as it may sometimes even be of utility for the western offices to know mutually from one another that nothing has occurred. These letters of ours will be sent via Tutukorijn by the English posts, addressed solely to the Gentlemen Chief Administrators and sealed with the private seal of the first-undersigned Governor; and the letters for Soeratta will be addressed to Koetsiem with a request to the Gentlemen Ministers there to forward them by the shortest and most convenient route, either via Bombaij or directly to Suratta. We kindly request your Honors to take into consideration whether your Honors, in satisfaction of the aforesaid intention of their High Mightinesses, might likewise find it proper to dispatch a letter to this government every three months in the aforesaid manner. Since we have received instructions by the ship Prinkenomaale determining the departure days of the packet boats, we hereby offer your Honors a copy thereof, together with the communication that, in accordance therewith, we have resolved to dispatch the Ceilon packet boat on the 1st of May and 1st of October. And as it may be of use to those who choose to send their private letters from there via Ceilon to know the arrangements we have made in that regard for this Government, we further append hereto a copy of the regulation adopted thereto in our aforesaid Resolution. For the rest, after friendly greetings, we remain, was signed as before, in the margin: Kolombo, the 3rd of November, Anno 1769. Lower: P.S. We further offer your Honors herewith the duplicates of our letters of the 22nd of September and 28th of October last. No. 46 Ceilon. To the Noble Sir, To as Before. The Noble Honorable Gentlemen Directors at the presiding chamber of Amsterdam have informed us by letter of the 5th of February of this year of the objective of their High Mightinesses in sending out the military commission, which has already arrived on the 1st of this month on the outer roads of Gale with the frigates De Zegen and De Havik, and of what must be observed regarding the said commission in India, with orders at the same time to give notice thereof to your Honors as well. We therefore offer your Honors enclosed herewith a copy of the aforesaid letter, together with copies of the two memorials received therewith, so that your Honors may govern yourselves accordingly. We also offer your Honors herewith our requisition of necessities for the year 1790, the fulfillment of which we kindly request at the earliest opportunity; the duplicate of our last letter of the 3rd of November last, and a letter addressed to your Honors marked P:B: brought from the Cape of Good Hope by the aforesaid frigate De Zegen. For the rest, after friendly greetings, we remain, was signed as before, in the margin: Kolombo, the 9th of December 1789. By our smalschip De Verwagting, which arrived here on the 19th of this month, we duly received your Honors' esteemed original letter of the 13th of this month, and two duplicates of the 10th and 12th prior. The 10000 bossen or 240000 lb of coir for Batavia we shall provide, but to your Honors' request to advance 25 to 30000 rupees to the factors of the broker Waijtelingen: Noble, Stern, Valiant, Wise, Prudent, Very Discreet Sir and Friends. Kolombo Willem Jacob van de Graaff Ordinary Councillor of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director of that island and its dependencies, together with the council. Examined Pieter van Geyzel Agreed Eijbrandt Geikeert

Dutch transcription

We hebben daarom ter sessie van den 16:e okto„ ber Jongstleeden, blijkens ingeslooten Extra onzer Resoluutsie beslooten, om alle drie maanden te beginnen, met ult:o xber: aanstaande aan uw welEd:s een brief te laa„ ten afgaan het zij dat 'er eets te bedeelen zij„ waar van het van eenig belang is, dat uE: daarvan spoedig zijn geinformeerd of mit„ wijl het ook zelfs somtijds zijne nuttigheid voor de wettersche kantooren hebben kan„ onderling van malkanderen teweeten, da er niets voorgevallen is. Deeze onze brieven zullen worden afgezonden over Tutukorijn met de Engelsche posten, beschreeven alleen aan de Heeren Hoofdgebieden en verzeegeld met 't partikulier Cachit van den eerst ondergetekenden Gouverneur en zullen de brieven voor soeratta worden geaddresseerd na Koetsiem nit verzoek aan de Heeren Ministers aldaar om de„ en bequaamsten zelve langs den kortsten weg voorttezen den, 't zij over Bombaij dan wel dierekt na suratta. wij verzoeken uw wel Edelens vriendelijk in bedenking tewillen neemen, of uwwel Ed: ter voldoening aan de voorsz: intentie van hunne Hoog edelheeden niet insgelijks zouden kunnen goedvinden, invoegen voorsz: alle drie maanden een brief aan dit gouver„ nement telaaten afgaan. vermits we met 't schip Prinkenomaale een aanwijzing hebben ontvangen, bepaalende de vertrekdaagen van de paket booten, bie„ den wij uw wel Ed:s een afschrift daar van hiernevens aan, net kommunikaatsie teffens, dat we overeenkomstig daarmeede heb„ ben beslooten de Ceilons, paket boot op den 1:e Maij en 1. october te depecheeren. En wijl 't den geenen die hunne partikulie te brieven van daar over Ceilon verkiesen tezenden, van nut kan zijn teweeten de schikkingen die we daaromtrent voor dit Gouvernement hebben gemaakt, voegen wij nog hier bij een afschrift van 't pra„ „tekt daar toe bij voorsch: onze Resoluut„ sie gearresteerd. Wij blijven voor het overige na vriendelijke groete /:onderstond en geteekend:/ als vooren /:in margine:/ Kolombo den 3:e November Anno 1769. /:lager:/ P: S: wij bieden uw wel Edelens hiernevens nog aan de duplikaaten onzer brieven van den 22:e 7ber: en 28:e okto„ ber Jongstleeden ter N:o: 46 Ceilon. Aan den Edelen Heer Aan als Vooren De Edele Achtbaere Heeren Bewindhebberen ter presidiaale kamer Amsterdam hebben ons bij missive van den 5. febrúarij dezes Jaars g'informeerd; van 't oogmerk van hunne Hoog Mogenden in 't uitzenden van de militaire commissie, die reets met de fregatten de zegen en de havik den 1 deezer op de buiten reede van gu is gearriveerd, en van 't geen nopens dezelve commissi en Jndien moet worden g'observeerd met last tessent om ook daar van aan uw wel Edelens kennis te geven we bieden derhalven uwel Edelens hier ingeslooten aan, een afschrift van voorschreeve missive, nevens copijen van de daermeede ontfangene twee memo„ rien, op dat uw wel Edelens zig daar na kunnen rigten. Ook bieden we uw wel Edelens hier nevens aan onzen eijs van benodigtheeden voor het Jaar 1790:, welkers vol„ doening bij gelegentheijd we vriendelijk verzoeken; Het duplikaat onzer laaste van den 3. ' november Jongst leeden en een brief aan uw wel Edelens genigt gemerkt P: B: met voorschreeve fregat de Zegh van de kaab de goede hoop aangebragt. wij blijven voor het overige, na vriendelijke groete (:onde stond en geteekend:/ als vooren /:in margine kolombo den 9. ' december 1709. Met ons Smalschip de verwagting het week het welk den 19:' deezer hier aangekoomen is, hebben wij uw wel Ed: geachte origineele missive van den 13:' deeser, en twee duplicaeten van den 10: en 12:' bevoorens wel ontvangen. De 10000: b:ossen of 2'40'000: lb: kaijer voor bata via zullen wij besorgen dog aan uw wel Edele verzoek, om aan de faktoors van den Make= laar waijtelingen 25. â 30 000: ropijen te ver- Edele, Erntfeste, Manhafte, wijze, voorzienige zeer dishreete Heer en vrienden. Kolombo WWillem Jacob van de Graaff¬ Raad ordinair van nederlands Jndien, mitsgaders gouverneur en Direkteur van dat eiland en desselfs onderhoorigheeden neevens den raed. Nagezien P„r Vn Geyzel Akkoweert Eijbrandt Geikeert schieten:

NL-HaNA_1.04.02_10017_0492 view scan ↗

English

advance we can by no means comply with, as we, as noted already in our last of the 7th instant, even fear a shortage of money and have no receipts, besides that that man would not be able to procure any rice or oil here without hindering our purchases. The broadcloths, embroidered skirts, silk vests and buttons offered to us find no interested buyers here, and will thus be sent back with the first direct opportunity. We have purchased from a private English ship ten chests of Behar opium for eight hundred rupees each chest, which will be sent over to Colombo with the first ship from here, in the hope that all ten will find employment over there. The ship de Batavier has, according to what was noted in our last of the 7th instant, the duplicate of which is attached hereto, taken on a lower tier of about one hundred thirty-five thousand pounds of rejected metal and iron cannons and mortars, round and bar shot laden here. 313512 lb gross or 299332 lb net saltpetre in 2280 bags. 458250 lb or 152 ¾ lasts of rice in sacks and 185 pieces of teak planks of two inches, and has been sent therewith to Porka to take in 300,000 lb of pepper there and to leave at Calicoilang the little pepper that lies there, with all the cowhides that have been collected at both places, from where the same departs for Gale. At the request of the captain of this ship, Jan Jansz Louritsz, a ration of rice has been supplied to the same here for the voyage home. Upon two submitted ship's declarations, of which the copies are attached hereto, we have resolved to have supplied to this ship two thousand pounds of rice instead of as much that was found wet and spoiled, and an 8-inch cable instead of a ditto which broke during the raising of the topmast. But as this rice and rope were not supplied to the ship here, we therefore request that such may be delivered at Gale. With this ship departs for Gale the detachment: As before. Detachment of artillerymen of the Luxemburger Regiment, of which a name list is attached hereto, of which two privates, by names Bactiou and Leminee, remain sick in our hospital, as they are not able to make the voyage. Therewith also sails the sailor Willem de Staen, who was pilot on the French king's flute Le Mulet. We have also granted transport with this vessel to the former blacksmith Juriaen Heisort, who in the Company's service here unfortunately lost the use of his right hand and has received the compensation stipulated for it in the general articles, for whom we request further transport with one of the return ships to the Netherlands. As the garden seeds and dried fruits, cabbage, etc. brought by the ship de Hoop from the Cape for this government have been charged hither from Colombo by invoice, we therefore send herewith the received Cape invoice to be entered into the books at Colombo. With the ship Zeeland departs now thither, laden with: 341101 lb net saltpetre in 2524 bags. 900750 lb or 300 ¼ lasts of rice in 12010 bales, of which the bill of lading and the invoice are attached hereto, and we request that this ship, after discharge, be sent back hither as soon as possible. Therewith sails back the Lord Dessave van Angelbeek. We also send thither with this ship: 10000 lb nails, six-inch. 7000 lb do, five do. 6000 lb do, 8 double. 7000 lb do, 8 single. 10000 lb iron sheet, narrow, and 5000 lb do, one-inch, which, due to the ample supply from Europe, is in stock here above our needs, with the request, if they are not needed there either, to send them on to Batavia when occasion arises. In the Calicoilang invoice of the goods laden there into the ship de Batavier, a clerical error has been discovered, on account of which we attach a corrected invoice hereto, with the request to please send the other back to us, with a fifty-pound copper weight which was sent with that vessel from Porka to Gale, with which the pepper was weighed at Porka. Twelve common European soldiers of the Ceylon detachment have requested to repatriate in next November due to the expiration of their time, but have since decided to enter into a new contract, provided they, like the European privates of our garrison, receive twenty rupees as a bonus; we therefore submit that request and to that end attach the name list hereto. The drummer of that detachment, named Paulus Fabre of Colombo, earning 9 florins, also requests an improvement in wages. The military captain Du Bois, who arrived here from yonder with a French ship and departed thither again with our ship de Batavier, has sent two slave boys from here across the river to Porka and there, by night and unseasonable hours, smuggled them aboard the said ship, and thus not only evaded the order made known to him by the fiscal, according to which all slaves transported to Ceylon must first undergo examination by a surgeon to see whether they have had smallpox, but has also... We add hereto a pay note with a closed account of the sailor Harme Hendrik Cramer, and two letters containing military reports of the Ceylon detachment. We remain, after friendly greetings, Below stood: Noble, Valiant, Manly, Wise, Prudent, Most Discreet Sirs and Friends, your Excellencies' willing friend and servants. Was signed: J. G. van Angelbeek, G. G. Gebhardt, I. L. V. Spael, J. A. Cellarius, J. A. Scheidz and H. Leunel. In the margin: Cochin, the 26th of December 1788. Lower: P.S. The homeland invoice of the bombs brought by the ship Veere for this government is attached hereto, and we request that you now please have those bombs charged hither.

Dutch transcription

schieten kunnen wij onmogelijk voldoen, wijl wij als dit reeds bij onzen laatsten van den 7:' deeser, gen is zelfs voor gelt gebrek vreesen, en geen ontfoptew „ten hebben, behalven, dat dien Man hier geen rijst of nolie, zoude kunnen opdoen, zonder onsen in zaa te belemmeren De aan ons aangeboodene laekenen, geborduurde rokken; zeijdene vesten en knoopen, vinden hier geen lief hebbers, en zullen dus t met de eerste „direkte geleegentheijd terug gevzonden worden. wij hebben van een partikulier Engelsschip tien kisten bhaarsche amsioen ingekogt voor agt hondert ropije ieder hijt, die met het eerste schip van hier naar kolombo zullen overgaen, inhoope, dat alle tien ginter emploij zullen vinden. Het schip de batavier heeft volgens het geno „teerde bij onzen laatsten van den 7:' deeser, waar van het duplicaat hierneevens, of een derlaeg van omtrent eenmaalhondert vijf en dertig duijzent ponden aan afgekeurde me taele en ijsere kanons en mortieren, „rond en langscherp alhier gelaeden. 3'13512: lb: bruto of 299332:: lb: netto Salpeeter. in 2280. Zakken. 458 2/50. lb: of 152. ¾. lasten rijst in bollen en 185: p:s tekke Planken van twee duijm, en is daer- meede naar Porka gezonden om daar 300'000. lb: peeper inteneemen en op kolikoijlang de weijnige Peeper die daar ligt, telaaten, met alle de hroe huijden die op boijde plaetsen ingezaemelt zijn, van waar het selve naar Gale vertrekt. op verzoek van den kapitain van dit schip Jan Jansz: Louritsz:, is aan het selve randsoen van rijst alhier verstrekt voor de tehuijsreise. op twee ingediende scheeps verklaringen waar van de kopijen hierneevens hebben wij beslooten, aan dit schip te laaten verstrekken, twee duij- „zent ponden rijst instoede van zoo veel die nat en bedorven bevonden, zijn, en een kabel- touw van 8: duijm insteede van een dito het welk bij het opzitten van de voorsting gebrooken is. Dog wijl deese rijst en tonis hier aan het schip niet zijn verstrekt zoo verzooken wij dat zulx te mag afgegeven worden. Met dit schip vertrekt naar Gale het in de tachement: Aan als vooren. detachement artilleresten van het luxemburger Regiement waar van naemlijst hierneevens van het welke twee gemeenen, met naemen Bactiou en Leminee ziek in ons hospitaal verblijven, alsoo deselven niet in staet zijn de reijse te kunnen doen. Daarmeede vaart ook over de mattroos willem de staen die loots geweest is op de fransche konings fluit le Mulet. ook hebben wij met deesen bodem transport verleend, aan den geweezen grof Smith Juriaen Heisort, die in 's Comp:s dienst alhier ongeluk „kig het gebruik van zijn regterhand verlooren, en daar voor het verzet bij den generaelen artikol brief bepaelt, genooten heeft, voor wien wij ver der transport met een der retoerscheepen naar nederland verzoeken. Wijl de met het schip de Hoop van de kraep vo dit Goevernement aangebragte tuijnzaad en drooge vrugten, kool enz: van kolombo bij faktuur herwaards aangereekend zijn zoo zenden, wij hierneevens de ontvangene haebs fabituur om op Colombo bij de boeken inge„ Met dn 't schip Zeeland vertrekt thans naer derwaards, belaeden met. 341101: lb: netto salpeeter in 2524: sakken. 900750: - „ of 300. ¼. lasten rijst in 120:10: baelen waar van het kognossement en de faktuur hierneevens, en wij verzoeken dit schip na noomen teworden. Wij voegen hier nog bij een soldij notitie met een afgeslootene reekening van de mattroos Harme Hendrik Cramer, en twee brieven behelsende militaire rapporten van het Ceilonsche detache= ment blijven wij na vriendelijke groete /:onderstont:/ Edele, Erntfeste, Manhafte, wijze voorzienige zeer diskreeten Heer en vrunden uwerwel Ed:s dienstwillige vrind en Dienaaren /:was geteekent:/ J: G: van Angelbeek, G: G: Gebhardt, I: L: V: Spael, J: A: Cellarius, J: A: Scheidz: en H:t Leunel /:in margine:/ Koetsiem den 26:' December 1788. /laeger:/ P: S: De vaderlandsche faktuur van de met het schip veere voor dit gouvernement aangebragte Commen gaat hiernevens en wij verzoeken als nu die bommen herwaards tewillen laaten aanreekenen. noomen. ontlossing ontlossing ten eersten herwaards terug te zenden. Daarmeede vaart te rug de heer dessave van An „gelbeek. wij zenden met dit schip ook derwaards. 10000: lb: spijkers ses duijms. 7000: „ do vijf do 8 6000: -„ —. dubbelde. 7000: „ 8- enkelde 10000. „ ijser smalplaat en 5000. „ do —: een duijms. die weegens den ruijmen aanbreng uit Europa hier booven onze benoodigdheijd in voorraed is, met verzoek als deselven daar ook niet be noodigd zijn mogten bij geleegentheijd naar Batavia voort te zenden. Bij de kalikoijlangsche faktuur van de daar gelaedene goederen, in het schip de Batavia is een schrijffout ontdekt, weshalven wij een verbeeterde faktuur hierneevens, voegen, met verzoek, de andere aan ons tewillen Ede ten terug zenden, met een vijftig pond koope gewigt, het welk van Porka met dien bodem naar Gale is meede gegeven, waarmeede de peeper te Porka gewoogen is. Twaelf gemeene Europeesche soldaeten van het Ceilonsche De tachement hebben verzogt in november aanstaende mits tijds expiratie te repatrieeren dog zijn zeeder te raede geworden een nieuw verband aantegaen, mits zij, zoo als de europeesche Gemeenen uit ons garnizoen, twintig ropijen aan Douceur genieten, wij drae= „gen derhalven, dat verzoek voor en voegen tot dat eijnde de naemlijst hierneevens. De Tamboer van dat detachement met naeme Paulus Fabre van Colombo, winnende ƒ 9: —. verzoekt meede om verbeetering in Gasie De kapitain Militair Du Bois, die hier met een fransch schip van ginter aangekoomen en met onsschip de batavier weeder derwaards vertrokken is, heeft twee slaeven nuijden van hier over de rivier naar Porka gezonden en daar bij nacht en ontijden aan boord van gem: schip geprakitiseerd en dus niet alleen de hem door den fiscaal bekend gemaekte order geëludeert, volgens welke alle slaeven, die naar Ceilon vervoerd worden eerst de visi tatie. van een Chirurgijn ondergaen moeten ter ontwaaring of zij gepokt hebben, maer het: ons:

NL-HaNA_1.04.02_10017_0495 view scan ↗

English

To the same as before. also involved us in difficulties with the king of Trevancore, who imagines or at least outwardly pretends as if they had been his subjects. We send herewith a copy translation of the ola written about this by the pepper Carwadikarikaren who is also Governor of the district of Porca, and a copy of the letter from our resident there, and request that the said Du Bais be made to declare from whom he bought those female slaves, in order to be able to convince the king of Trevancore that they were not his subjects. We enclose herewith the following annexes: A Batavian expense account of the ship Zeeland. Three enclosed Cochin ditto, an inventory of that vessel. a catalogue of medicines. two receipt rolls of two months' wages provided to the crew of the ship Zeeland. A pay note accompanying eighteen receipt rolls of wages provided to the Ceylon detachment. And two letters containing military reports of the detachment, we remain, after friendly greetings, Noble, Honorable, Valiant, Wise, Provident, very Discreet Sir and Friends, your Honor's Dutiful Friends and Servants, was signed: J: G: van Angelbeek, R: v: Harn, G: G: Gebhardt, J: L: van Spall, J: A: Cellarius, W: v: Haesten, J:n A:s Scheidz, A:t Lunel. In the margin: Cochin the 10th of January 1789. The ship de Phenicier now departs thither laden with: 303219¼. lb: net Saltpeter in 2237: bags 750000. —. lb: or 250: lasts of rice in 5966: gunny bags. 3000: —. lb: candles in 24. chests. 300: —. lb: sandalwood 1. –. chest with medicines 35: —. beams assorted 915: —. planks assorted 78. —. brackets for gun carriages 79. - - transoms for ditto 26: - -. cheeks for ditto and the 10 chests of opium mentioned in our letter of the 26th of December last, all more fully detailed in the accompanying bill of lading and invoice. Of the demand made by your Honor for 1000 lasts of rice, 703 lasts have already been sent to Ceylon, namely: 152: ¾ last with the Batavier 300: ¼ last with the Zeeland and 250: lasts with this ship. thus we shall look forward to a ship to collect the remaining 297 lasts, to which we shall then add as much more rice on your Honor's further demand as will be possible for us, but we find ourselves obliged to warn your Honors in good time that due to a lack of money, we are not in a position this year to purchase any rice for your Honor's government, unless your Honors would be pleased to remit the necessary cash for that purpose, for which reason also we dare not contract any supply beyond our needs with the king of Cochin, who not only cannot wait for the money, but constantly asks for advances in order to satisfy his tribute to Tipu, before we know how far we can rely on cash from Ceylon. With this ship we have granted passage thither to a Prince of Banjarmasin, named Pangeran Mohomet, who with permission of their High Mightinesses went on a pilgrimage from Batavia via this coast and Surat to Mocha, and to whom we request you will be pleased to grant further transport to the headquarters; the same has a retinue of eighteen persons with him. On this ship we have also placed, in order to serve thereon for their board and to obtain further transport to Batavia, three Malay sailors from a private Dutch ship shipwrecked on the Arabian coast, named Wiram, Itam, and Kalek; to them thirty rupees have been provided here for the purchase of some necessities, which we charge to Batavia in order to be reclaimed there again from the owners of that ship. The two private artillerymen of the Luxembourg detachment who remained here sick in our hospital and have recovered, named Leminee and Bastion, now also depart with this ship. When that detachment was to go on board the ship de Batavier in the month of December last, a private named Dusler was absent, who after some days returned of his own accord and was thereupon placed under arrest, but he managed to escape from his arrest and has not yet been recaptured; we enclose herewith a copy of the military interrogation held on that account. We also send on this occasion a company of sepoys for Batavia, whom we could no longer keep here for fear of desertion, and whom we request you will be pleased to send to the headquarters divided onto one or two ships. The muster roll of the same goes herewith. The soldier Christoffel Scheidemantel of the Ceylon Company of Captain Koch passed away at Cranganore on the 30th of January last. We enclose herewith the following annexes: A Batavian expense account of the ship de Phenicier. A Colombo ditto. A Tuticorin ditto. Three enclosed Cochin expense accounts. An inventory of this Ship. A catalogue of the medicines. A pay note of the 13th of January last with a wage roll. A debt account of the soldier Christoff: Scheijdemantel, and A receipt of two months' wages provided to the crew of the ship de Phenicier. With which we remain, after friendly greetings, Noble, Honorable, Valiant, Wise, Provident, very Discreet Sir and Friends, your Honor's Dutiful Friends and Servants, was signed: J: G: van Angelbeek.

Dutch transcription

Aan als vooren. ons ook in moeijelijkheeden met den kooning van Trevankoor verwikkeld, die zig verbeelt of ten minsten uiterlijk voorgeeft als of het zijne onderdaenen geweest zijn. Wij zenden hierneevens een kopij translaet van de daar overgeschreevene ola van den pee „per Carwadikarikaren die teevens Gouver= neur van het distrikt van Porka is, een een afschrift van den brief van onsen resident al= „daar en verzoeken gem: Du Bais te laaten opgeeven, van wie hij die slavinnen gekogt heeft, om den koning van trevankoor te hunnen overtuijgen, dat het zijne onderdae= nen niet geweest zijn. Wij voegen hier bij de volgende bijlaegen: Een bataviasche onkostreekening van het schip Zeeland. Drie een sluijdende hoetsiemsche ditos, een inventaris van dien bodem. een kathalogus van medikamenten. twee quitantie rollen van verstrekte twee man„ den gasie aan de equipagie van 't schip Zeeland Een zoldijnotiotsie ten gelijde van agtien qui„ Het schip de Phenicier vertrekt thans naar derwaards belaeden met: 303219¼. lb: netto Zalpeeter in 2237: zakken 750'000. —. „ of 250: lasten rijst in 5966: goenij zak ken. 3000: —. „ kaarsen in 24. kisten. 300: —. „ sandel hout 1. –. kist met medikamenten 35: —. balken inzoort 915: —. Planken inzoor 78. —. zwalpen voor affuiten 79. - - kalven - - - - „ 1 d=o 26: - -. Lijwangen - - - „ do tantie rollen van verstrekte gasie aan het Ceilonse detachement. En twee brieven behelsende militaire rapporten van 't detachement, blijven wij na vriendelijke groote /:onderstont:/ VEdole Erntfeste, Manh: wijze, voorzienige zeer diskreete Heer en Vrienden uwer wel Edele Dienstwillige Vriend en Dienaeren /:was geteekent:/ J: G: van Angelbeek, R: v: Harn, G: G: Geb- hardt, J: L: van Spall, J: A: Cellarius, W: v: Haesten, J:n A:s Scheidz A:t Lunel /:in margine:/ koethiem den 10:' Januarij 1789: tantie en: en de bij onzen brief van den 26: xber: Jongst leeden vermelde, 10. kisten amphioen alles breeder ver„ meld bij neevens gaande hognossement en faktin op den door uw wel Edelen gedaenen, eisch van 1000 lasten rijst, zijn reeds 703: lasten naar Ceilon gezonden, teweeten. 152: ¾. last met den batavier 300: ¼. - - „ - - - „ Zeeland en 250: - - - - „ - - - „ dit schip. dus wij een schip tot den afhael van de overige 297: lasten zullen tegemoet zien waer bij wij als dan zoo veel meerder rijst op uw wel Edelen naderen eisch zullen voegen, als ons mogelijk weesen zal, dog wij vinden ons ver pligt, uw wel Ed:s vroegtijdig te waarschouwen dat wij weegens geld gebrek, dit jaar niet in staa zijn voor uw wel Ed: goevernement eenige rijst inte koopen, ten waare uwwel Ed: daar toe de noo„ dige kontanten gelieven overtesenden, weshalven „ ook wij „ met den koning van koetsien, die niet al leen, niet naar 't geld wachten kan, maar g duurig om voor uit verstrekking verzoekt ten eijnde zijn tribut aan Tipoe te voldo geene leverantie booven onse benoodigd heid durven kontrakteeren, voor, dat wij weeten inhoeverre wij, op Contanten van Cailon ree „kenen kunnen Met dit schip hebben wij transport naar derwaards verleend, aan een Prins van Banjermassing, met naeme Pampoang Mohomet, die met verlof van hunne hoog Edel „heeden, van batavia over deese, kist en souratta naar Mocha ter bedevaart geweest is en aan wien wij verzoeken verder transport naar de hoofdplaats tewillen verleenen, deselve heeft „een gevolg van agtien perzoonen bij zig. Op dit schip hebben wij nog geplaetst, om daar„ op voor de kost dienst te doen en verder trans „port naar batavia te erlangen drie Malait sche mattroosen van een op de arbische kust verongelukt partikulier hollandsch schip met naemen wiram, Jtam en kalek, aan deselven zijn hier dertig ropijen verstrekt tot het inkoopen van eenige noodwendigheeden, die wij naar batavia laaten aanreekenen, om daar van de Reeders van dat schip, durven. weder Weeder in gevordert teworden. De twee gemeene artilleresten van het laxem burger detachement, die hier ziek in ons hos= „pitaal verbleeven en weeder hersteet zijn, met naemen Leminee en Bastion, vertrekken tans meede met dit schip oen dat de tachement in demaend December laestleeden naar boord van het schip de ba= tavier zoude gaen, is een gemeene met naeme Dusler, absent geweest, die na eenige daegen weeder van zelfs terug gekoomen en daar op in arrest gezet is, dog hij heeft weeten uit zijn arrest weg te koomen en is tot nog niet weeder agterhaelt, wij voegen hier bij een kropij van het dierweegen gehouden militair verhoor Wij zenden ook met deese gelegentheijd een Comp: sipahis voor batavia, die wij niet t langer hebben kunnen hierhouden uit vreese voor desertie en die wij verzoeken op een, dan wel op twee scheepen verdeeld, naar de hoofd plaets tewillen zenden, De naemroe van deselve gaat hierneevens. De soldaat Christoffel Scheedemantel van de Ceilonsche Compenie van Capitein koch is op den 30:' Januarij Jongst leeden te kran- „ganoor overleeden. wij voegen hier bij de volgende bijlaegen. Een Bataviasche onkost reekening van het schip de Phenicier. Een kolombosche Een Tutukorijnsche Drie een sluijdende koetsiemsche onkost reek: Een inventaris van dit Schip Een kathalogus dor medikamenten, Een soldij notitie van den 13:' Januarij J:o leeden met een gasie rol. Een schuld reekening van den soldaat Christoff: scheijdemantel, en Een quitantie van verstrekte twee maenden gasie, aan de equipagie van het schip de Phenicier. waarmeede wij na vriendelijke groote blijven. /:onderstont:) Edele Erntfeste, Manhafte, Wijse voorzienige zeer Diskreete, Heer en vrienden uwerwel Edele Dienstwillige Vriend en Dienaaren /:was geteekent:/ J: G: van De: Angelbeek:

NL-HaNA_1.04.02_10017_0498 view scan ↗

English

To the same as before. Angelbeek, A: van Harn, G: G: Gebhard, J: L: van Spall, A: Cellarius, W: v: Haesten, A: Lemel, J:s Bos, in the margin: Cochin the 4th of February 1789. Lower down: P:S: pursuant to our letter of the 26th of December last, we now return the embroidered coats, waistcoats and buttons, as well as the samples of cloth. We also enclose an invoice on account amounting to ƒ1140:—: With this ship Lieutenant Bartels and clerk Supke return, and with it also arrives for a campaign Lieutenant Fredrik Christiaen von Mullertz. The timber mentioned in the extract from the Batavian letter enclosed with your Honors' esteemed letter of the 26th of January last can be supplied at the prices stated in the accompanying notice, regarding which we must remind you that the names of Ambonese Jangail beams and of Tinkane and mill planks are not known here, and one has therefore calculated the former according to length and thickness and the latter by 10 feet length, which we request you will be pleased to observe in the demands sent to us; we also need to have the demand here in the month of July, as that is the time to procure the timber here. We have had to sell all the pepper to keep our expenses going, but with the opening of navigation we shall send a cargo with our small vessel to Galle. To the ship the Gouverneur Generaal de Klerk we have, according to your Honors' request, supplied the ration of rice, katjang, etc. The same is now departing for Galle with 226 19/100 lasts of rice, 286 9/15 lasts of paddy, 200 lb of wax candles, 12378 gunny sacks, 500 lb of sandalwood, 4 heavy beams, 50 three-inch planks, and 2980 jugs of coconut oil, and the bark de Liefde is to follow within a few days with 100 lasts of rice, whereby your Honors' demand of 1200 lasts is fulfilled save for a small amount, to wit: 152 ¾ lasts with the Batavier 300 ¼ lasts with the Zeeland 250 lasts with the Rrenecier 226 19/100 lasts with the bearer of this 143 ½ lasts in paddy with the bearer of this, and 25 2/3 lasts for rations of the bearer of this 100 lasts with the bark de Liefde Altogether 1197 lasts ample. Pursuant to the proposal made by your Honors by separate letter of the 17th of February last to the first undersigned, we have attempted to negotiate 80000 rupees separately on Dutch bills of exchange, but have not been able to succeed any further than being given some hope of 40000 rupees after the arrival of the ships from Europe. We have nonetheless contracted for the newly requested 1000 lasts for the coming monsoon at the previous price of 90 rupees, but as we are entirely unable to pay for the same even partially out of our funds, we request, according to the offer made, that fifteen thousand pagodas from the first coinage be sent to us to serve as partial payment, against which we promise, upon receipt of the Batavian merchandise, to remit to Tuticorin all the money we can spare, and also the money which we might obtain on the aforesaid bills of exchange. To the soldiers of the Ceylon detachment, upon their entering into a new contract, we have caused to be paid the gratuity customary with your Honors, and on that footing five soldiers now again request to enter into a new contract, of whom the roll is enclosed herewith. On the other hand, the soldier Johannes Snijder, for theft and intended desertion, has been punished by running the gauntlet and deported to the rank of sailor, in which capacity he has been placed on the ship the Gouverneur Generaal de Klerk. Furthermore, we present to your Honors herewith four reports from Captain Koch, who has been promoted by their High Mightinesses to captain with the salary pertaining thereto, and report in answer to the question asked in that regard that the soldier Christiaen van der Kamp has received his pay up to the end of January and board money and rations up to the end of February last. We thank your Honors for sending two Batavian portraits and request that you will be pleased to accommodate our artillery with a gunner's quadrant and bullet moulds. The mats that were supplied at Colombo to the ship the Gouverneur Generaal de Klerk for lining the hold and charged here, Captain Jakobsen certifies to have delivered at Galle to the ship the Batavier, on which account we have the same, along with the stone ballast that remained in the ship, charged back again. Furthermore, we enclose herewith a packet from the Council of Justice. Roll.

Dutch transcription

Aan als vooren. Angelbeek A: van Harn, G: G: Gebhard, J: L: van spall, A: Cellarius, w: v: Haesten, A: Lemel, J:s Bos, /in margine:/ kootsien den 4:' februarij 1789: /:lager:/ P:S: ingevolge ons schrijven van den 26: xber: laestlieden zenden wij thans terug de geborduurde rokken vosten en knoopen mitsgaders de monsters van Lachenen. ook voegen wij hier neevens een faktuur van aan reekening groot ƒ1140:—: Met dit schip keeren de luijtenant Bartels en Pennist supke te rugen daarmeede komt voor een springtogt over de luijtenant Fredrik Christiaen von Mullertz: De houtwerken bij het oertrakt uit den bataviaschen neevens uw wel Ed:s geachte, missive van den 26:' — Januarij Iongst leeden kunnen bezorgt worden voor de Prijzen bij de neevens leggende aan wij „zing vermelt, waar omtrent wij moeten herinne ren, dat de naemen van Ambonsen Jangail balken en van tinkanse en Moolen planken hier niet bekend zijn en men dus de eersten naerde leng en dikte en de laesten bij de 10. voet lengte bereeken heeft, het geen wij verzoeken bij de eijsschen aan ons tewillen laaten observeeren ook dienen wij den Eijsch in de maend Julij hier te hebben, wijl het dan de tijd is het houtwerk hier op te doen. Wij hebben alle peepen moeten verkoopen, om onse in't gaeven gaende te houden, dog zullen met het openguen van de vaart eene lading met ons smalschip naar Gale Zenden Aan het schip den Gouverneur Generaal de klerk hebben wij volgens uwel Ed:s verzoek, het randsoen van rijst, katjang, enz: verstrekt, het zelve vertrekt tans naar gale met 22: 200 last rijst 286: 9/15. lasten nelie 200: lb: wackaarsen 12378: goeni zakken 500. lb: sandelhout 4. zwaare balken, 50. drie duijms planken en 2980: kannen, kokus dlie en de bark de leefde staat binnen en Iaar daegen met 100. last rijst 'tevolgen, waar door uwel Ed:s eisch van 1200. last, op een kleenigheijd na voldaen is, te weeten. 152. ¾. last met de batavier 300. ¼. -. „ - - - - „ - Zeeland 250 - - - „ - - - - - „ de Rrenecier 226: 19/100. „ - - - - „ den brenger deser. 143. ½„ „ - - - - aan nolie met brenger deeses en 25: 2/3: „ tot rantzoen van brenger deeser. 100: last met de bark delief de. Tgrenen 197. last ruijm. heeft: Ingevolge. E Ingevolge de propositie van uwel Ed:s bij apparte missive van den 17:' februarij J:o leeden aan den eerst getekenden gedaen hebben mij getragt 80000. ropijn op nederlandsche assig= natie â part te negotieeren dog daar in niet verder hunnen reusseeren als dat ons eenige hoope gegeven is op 40000. –. ropijen, na de komste van de scheepen uit Europa wij hebben niet te min de op het nieuw gevraegjde 1000. lasten voor de aanstaende mousson teegen den voorigen prijs van 90: ropijen gekontrakteerd, dog wijl wij voestrekt onvermogens zijn, deselve ook maar gedeeltelijk uit onse sondsen te betaelen. zoo verzoeken wij vol- „gens gediene aanbioding uit de eerste vermunting vijftien duijzend pagooden aan ons te zenden om tot gedeeltelijke afbetaaling te dienen waar teegen wij be looven bij ontvangst van de Bataviasche koopman, schappen al het gelt wat wij nissen kunnen, en ook het gelt het welk wij op voorsz: assignatien mogten bekoomen naar tutukorijn te remitteeren. Aan de soldaaten van het Ceilonsche detachement hebben wij bij het maeken van een nieuw verband het douceur het welk bij uwel Ed:s gebruijkelijk is, laaten afgee= „ven, en op dien voet verzoeken tans weeder vijf soldae „ten een nieuw verband te maeken waar van de naamlijst hierneevens gaat Daar on teegen is de sol= „taat Iohannes Snijder over diverij en voorgenoomene dgertie, met spits garden gestraft en tot mattroos ge„ deporteert, en welke qualiteit hij op het schip de gouver= „neur Generaal de klerk geplaatst is. voorts bieden wij uwel Ed:s hierneevens vier rapporten aan van den Capitain koch, die door hunne hoog Edel„ heeden tot kapitain met de daar toe staande gasie gevordert is, en melden in antwoord op de diendhalven gedaene vraege dat de soldaat Christiaen van der kamp zijn gagie tot ult:o Januarij en kostgelt en randsoen tot ult:o februarij Iongst genooten heeft. wij bedanken uw wel Edelen voor de toezending van twee batavische patretten en verzoeken onse artillerij met een talftok en kogelmallen tewillen gerieven. De Matten die te kolombo aan 't schip de Gouverneur Generaal de klerk tot beschoeving van het ruim ver- strekt en herwaards aangerekend zijn, betuijgd kapi tein Jakobsen te gale aan 't schip de batavier afge „geven te hebben weshalven wij deselve met de klipstee= tien die in het schip verbleeven zijn weeder laaten te rug reekenen voorts voegen wij hier bij een Pakket van den raed van naemlijst: Justitie.

NL-HaNA_1.04.02_10017_0500 view scan ↗

English

Justice here directed to that of Colombo the copies of our dispatched letters to the High Right Honorable Lords Seventeen and to Their High Honors of 20 8br and 26 xber 1780 as well as 29 March and 29 of this month, and a packet to the ministers of Kormandel which we request you to be so kind as to forward. Wherewith after friendly greetings we remain stood below and signed as before in the margin Cochin the 30 April ƒ1789 lower P. S. from the Ceylon detachment on 26 February passed away here the soldier Gasper Coenraad Poppe. To the same as before Pursuant to what was communicated in our last letter of 30 April last, of which the duplicate is enclosed herewith, the bark De Liefde now departs with one hundred lasts out according to the enclosed bill of lading and invoice, the latter totaling ƒ 12549: 6:8. From the Ceylon detachment, on 30 April last, the soldier Anthonij La Crooij passed away, of whom a debit account is enclosed herewith. The sailor Matthijs Adenberg of Nieuw Akelenbaur was discovered here on an English ship and taken from on board, whom we send over with the bearer of this. We also enclose an invoice totaling ƒ 140 10 for ten lasts of rice which the master of the bearer of this received here in order to pay that amount in Kolombo, which we request you to receive from him into the Company's treasury there. Wherewith after friendly greetings we remain stood below and signed as before in the margin Cochin the 3 May 1789. For the Bengal and Cormandel advisories sent to us alongside your Honorable's esteemed letters of 11 April last, we offer our friendly thanks, and we will forward the packet for Soeratta sent along with it when the opportunity arises. Enclosed herewith is the duplicate of our last of 3 May last along with a pay record with thirteen pieces of debit accounts and two military reports from the Ceylon detachment, and we remain after friendly greetings stood below and signed as before in the margin Cochin the 8 June 1789 lower P. S. here enclosed also twenty receipt rolls of supplies provided to the Ceylon detachment. To the same as before. The captain of the Ceylon company of Malays, named Basso of Samarang, passed away on the 19 of this month at Kranganoor. Captain Hogh has nominated in his place as captain the lieutenant Abitum of Sluit; for lieutenant, the ensign Bata Datang of Samarang; for ensign, the orderly sergeant Draman of Mangadora and the private Sabodien of Kampong Bonda; for sergeant, the corporal Pakkier of Batavia; and for corporal, the private Jakarodiem of Batavia, according to an enclosed petition list. A certain Ian van der Sloot of Utregt has requested employment with us and claims that he arrived on Ceylon as a sailor on the ship Ceres in 1778 and recently left the Company's service, having earned thirteen guilders at the time; we request you to elucidate us further in this regard and to send us an extract concerning him from the Ceylon pay ledger. We request you to order the commanders of ships sent hither not to permit any common sailors to go ashore at Assjinga or in any port of Trevankoor, and especially not to let any people of the English or of the king of Trevankoor come aboard their ships, as we suspect that our people are seduced or coaxed into desertion along that way, and we attribute thereto the desertion of some sailors of the ships Middelwijk and Zeeland with their boats. For the rest we enclose herewith two military reports from the Ceylon detachment, and remain after friendly greetings stood below and signed as before in the margin Cochin the 21 July 1789. Your Honorable's esteemed letters of 18 and 26 June last we have had the honor to receive in good order. With our letter of 30 April last, we nominated twelve soldiers of the Ceylon detachment for an increase in pay and for a new contract according to three petition lists sent over at the time of 20 February, 15 March, and 24 April, and whereas now only five persons have been granted an increase and two granted a new contract.

Dutch transcription

Justitie alhier aan de van Colombo gerigt de kopijn van onse afgegaene brieven aan de hoog E agtb: heeren zeventienenen aan Hunne hoog Edelh: van den 20:' 8br en 26:' xber: 1780: mitsgaders 29: maart en 29:' deeser en een Pakket aan de ministers van kormandel het welk wij verzoeken tewillen voortschikken. Waarmeede wij na vriendelijke groete blijve (:onderstond en geteekent:/ als woren /:in margine:/ koetsiem den 30:' april ƒ1789: /lager:/ P: s: van het Ceilonse de taché ment js op den 26: februarij alhier overleeden de soldaat Gasper Coenraad Poppe. Aan als vooren Ingevolge het bedeelde bij onsen laatsten van den 30:' april jongst leeden waar van het duplicaet hier neevens vertrekt thans de bark de liefde met een hondert laston uijt volgens ingeslooten kognrosse ment en saktuur, de laeste groot ƒ 12549: 6:8: van het Ceilonsch de tachement is op den 30:' april Jongst leeden de soldaat Anthonij La Crooij overleeden van wien een schuldreekening hierneevens gaat. De Mattroos Matthijs Adenberg van nieuw akelen baur is hier op een Engelschip ontdekt en van boord gehaelt die wij met brenger deeser overzenden. Wij voegen hier neevens nog een faktuur groot ƒ140 10 tien lasten rijst die de gesaghebber van brenger dee- „ser alhier ontvangen heeft om dat bedraegen te kolombo afteleggen welk wij verzoeken van hem in 's Comp:s kas aldaar te willen ontvangen. Waarmeede wij na vriendelijke groote blijven /:onder= stont:/ en geteekent:/ als vooren /: in margine:/ Koetsiem den 3:' Maij 1789: voor de nevens uw wel Edelen geagte letteren van den 11:' april laestleeden aan ons toegezondene bengaelsche en Cormandelsche advisen bedanken wij vriendelijke en zullen het daarneevens toe gezondene pakket voor soeratta, bij gelegent „heijd voort schikken. Hierneevens het duplicaat onser laasten van den 3:' meij Jongst leeden neevens een soldij notitie met dertien P:s schuld reekenings en twee militai „re rapporten van het Ceilonsche detachement, en blijven na vriendelijk groete /:onderstont :/ en getekend als vooren /:in margine Koetsiem den 8:' Junij 1789:/lager:/ Is: hierneevens nog twintig quitantie rollen van verstrekte aan het Ceilonsche deta chement. Aan als vooren. tien: Aan: Aan als vooren Aan als vooren. De kapitaan van de Ceilonse homp: Malaijers met naeme basso van Samarang, is den 19:' deeser te kranganoor overleeden de kapitain hogh heeft in zijne plaats als kapitein voorgedraegen den luijte nan't Abitum van sluit tot luijtenant, den vaandrig Bata datang van samarang tot vaen drigs den order sergeant Draman van Manga= „dora en den gemeenen Sabodien van kampong Bon„ „da, tot sergeant den korporaal Pakkier van Ca= tavia en tot korporal den gemeenen Jakarodiem van batavia volgens een hierneevens gaan de ver= zoek lijst Zeekere Ian van der Sloot van utregt heeft bij on dienst verzocht en geeft voor dat hij met het sch ceres in 1778: als mattroos op Ceilon is aangekoo= men en onlangs uit 'sComp:s dienst is gegaen, heb bende toen dertien gulden gewonnen, wij verzoe ken ons hier omtrent waeder te Elucideeren en een Extrakt uit het Ceilons soldij Groot boek, nopens hem toetezenden Wij verzoeken aan de overheeden van scheepen die naar herwaards gezonden worden te willen beveelen, geene gemeene mattroosen op Assjinga of in eenige haeven van Trevankoor aan de wal te laaten gaan en voor al ook geene volk van de Engelsen of van den koning van Trevan koor op hun schip te laaten overkoomen wijl wij vermoeden dat ons volk volk langs dien weg tot desertie verleijd of gevonselt werd, en daar aan de derceatie van eenige Mattroosen van de scheepen Middeleijk en Zeeland met hunne schuiten toeschrijven. voor 't overige voegen wij hier neevens twee militaire rapporten van het Ceilons, detachement en blijven na vriendelijke groete /:onderstont:/ en geteekent./ als vooren /:in margine:/ Koetsiem den 21:' Julij 1789: uwerwel Ed: geagte brieven van den 18:' en 26. Junij Jongst leeden hebben wij de eer gehad wel te out vangen Bij onsen brief van den 30:' april Jongst leeden, hebben wij twaalf soldaaten van 't Ceijlonsche detachement voorgedraegen om verbeetering van gasie en om een nieuw verband volgens drie toen, overgesondene verzoek lijsten van den 20:' februarie 15:' Maart en 24:' april, en wijl thans maar vijf Perzoonen verbeetert zijn en aan twee een nieuw verband beveelen. toegestaen:

NL-HaNA_1.04.02_10017_0502 view scan ↗

English

is granted, who were listed on the last-mentioned list, so we now again present the five others mentioned on the first two mentioned lists, and request that you provide their promotion deeds, the copies of those two lists being enclosed herewith. Another six soldiers from the aforementioned detachment, named in the enclosed list, receive only half pay and request to know whether they have not already paid off their debts, so that they may henceforth draw full pay. The soldiers Ernst Schrijver of Heeten and Traugod Godfriet Mentzol of Hertsberg also request to be assigned to our garrison, and if this is granted, for their closed pay accounts. We enclose herewith the duplicate of our last letter of the 21st of this month and remain, after friendly greetings, signed as before, in the margin, Kroetsiem, the 3rd of August 1789. To the same as before. We had the honor duly to receive your Honors' esteemed letters of the 14th of July and the 5th and 9th of August last, and warmly thank you for the copies sent to us of your Honors' letters to Patria and Batavia. We shall fulfill the requisition for woodwork when navigation opens, and forward the packets sent to us for Soeratta and Goa at the first opportunity; however, we report herewith that the letter for Soeratta received with your Honors' last letter, along with its enclosures, was found loose and without a cover, for which we shall have a cover made upon dispatch. For sending the copy of the Plan regarding the Employment of the packet boats and the schedule of departure times of the latter, we also thank you kindly, and we shall send our papers for Europe to your Honors in due time, but request that you send us as soon as possible a set of molds and stamps for the private letters. The deeds sent for Ensign Soutter and for the new Malay officers have been delivered to them. Twelve soldiers and one fifer of the Ceylon detachment, named in the enclosed two lists, request an increase in pay; of these, three expired deeds and four pay accounts are enclosed herewith, while the remaining six persons declare that they have lost their deeds. To the same as before. In the company of Malays of Ceylon, we took into service two privates named Druin of Adje and Sabel of Sumanap on the 24th of August last, for whom we request that the deeds be sent here. The assistant Jan Ditlof Schoe, who came here from Colombo for a change of air, passed away here on the 2nd of this month. We enclose herewith two answered pay notes of the 27th of July and 28th of August last, one pay note of the last-mentioned date, and a requisition for thousand ground Cossy beans, which we request you to fulfill at the first opportunity by sea. Wherewith we remain, after friendly greetings, signed as before, in the margin, Koetsiem, the 8th of September 1789. Below, P.S.: We enclose herewith the duplicate of our last letter of the 3rd of August last. We duly received your Honors' esteemed missive of the 25th of August last; we shall attempt to fulfill the requisition made therein for oil and wax candles when navigation opens. Furthermore, we let this serve to accompany two settlement invoices amounting to ƒ12823: 4: and ƒ19265: 14: for interest paid on the capital negotiated here for your Honors' government, and for the pay issued in a full year to the Ceylon detachment; likewise a pay note with fourteen debt accounts and eighteen receipt rolls of the pay issued to the said military personnel, together with the duplicate of our last letter of the 8th of this month, while we remain, after friendly greetings, signed as before, in the margin, Koetsiem, the 19th of September, anno 1789. We have duly received your Honors' esteemed letter of the 6th of this month with the enclosures and warmly thank you for the Batavia packet sent to us. We shall forward the letter for Soeratta at the first opportunity. The corporal in the Ceylon detachment named Jacobus Vuijstman of Amsterdam, earning ƒ14: — according to the enclosed deed, requests to be promoted to capitaine d'armes, since that post is vacant, and the soldier Anthonij Simons further.

Dutch transcription

toegestaan is, die op de laest gemelde lijst bekend gestaen hebben zoo draegen wij de vijf anderen bij de twee eerstgemelde lijsten vermeld, tans weeder ^ meede, voor, en verzoeken hunne verbeetering aktens „ te willen laaten besorgen, gaande de kopij van die tweee lijsten hierneevens Nog ses soldaaten van voorsz: de tachement met naemen vermeld bij de neevens gaande lijste ge= nieten, maar halbe gasie en verzoeken temoogen weeten of hij niet weerten reeds betaalt zijn om voortaan vollegasie temoogen trekken. ook verzoeken de soldaaten Ernst schrijver van hee„ ten en Traugod Godfriet Mentzol van hertsberg om in ons garmzoen bescheijden teworden, en als dit word toegestaen om hunne afgeslootene soldij reekenings wij voeren hier bij, het duplicaat van onsen laesten van den 21: deeser en blijven na vriendelijke groete /:onderstont:/ en geteekent:/ als vooren /:in mar= „gine:/ kroetsiem den 3:' aug:o 1789: Aan als vooren Wij hebben de eer gehad, uwerwel Edelens geachte brie ven van den 14:' Julij en 5:' en 9:' aug:o J:o leeden wel te ontvangen en bedanken vriendelijk voor de aan ons toegezondene kopijen van uw wel Edele brieven naar Patria en batavia De Eijsch van houtwerken zullen wij met de opene vaart voldoen, en de aan ons gezondene Paketten voor soeratta en Goa, met de eerste gelegentheijd voortschikken dog melden hier bij dat de met uw wel Ed: laesten ontvangene brief voor Coeratta met dies bijlaegen los en sonder omslag gevonden is waar over wij bij verzending een omslag zullen laaten maaken. voor de toezending van de kopij van het Plan nopens het Emploij der pakket booten en worde bedeeling van den vertrek tijd derlaaste bedenken wij ook vuien delijk en zullen onse papieren voor Europa bij tijds aan uw wel Ed: toezenden dog verzoeken ons zoo dra mogelijk een stel mallen en stempels voor de par= tifuliere brieven toe tezenden. De gezondene aktens voor den vaandrig soutter en voor de nieuwe Malaissche officieren zijn aan hen bestelt. Twaelf soldaaten en een fluijter van het Ceilonsche detachement bij de neevens gaande twee lijsten met naemen vermeld verzoeken om verbeetering in gagie van deselven gaan drie verjaarde aktens en vier soldij reeke mingen hierneevens de oberige ses perzoonen verklae toegesondene: ren: Aan als vooren. ren hunne aktens verlooren te hebben Bij de Companie mallaijers van Ciilon hebben wij twee gemeenen met naemen Druin van Adje en sabel van sumanap op den 24:' aug:o j:o leeden in dienst genoomen zoo wien wij de aktens verzoeken her waards tezenden De assistent Jan Ditlof Schoe die van kolombo voor een springtogt hier is gekoomen, is den 2:' deeser alhier overleeden. wij voegen hier bij twee beantwoorde soldij notitien van den 27:' Iulij en 28:' aug:o Jongst leeden een soldij notitie van laestgem: Aatum, en een Eijsch van rij Man als vooren. duijzend grond kossij boonen, die wij verzoeken met de eerste sees geleegentheijd tewillen voldoen. Waarmeede wij na vreendelijke groete blijven /:onderstont:/ en geteekend :/ als vooren /:in margine koetsiem den 8:' xber: 1789: /:lager. / P: S: Wij voegen hier bij het duplikaat van onsen laesten van den 3: aug:o J:o leeden Wij hebben uwwel Ed:s geachte missive van den 25: aug:o Jongst leeden wel ontfangen, den daar bij gedaenen eijsch van olie en waxkaarsen zullen wij met de openvaart tragten te voldoen. voorts laaten wij deezen dienen ten geleijde van twee faktuuren van aanreekening groot ƒ12823: 4: en ƒ19265: 14: van betaalde renten op de voor uwel Ed:s goevernement alhier genegotieerde kapitallen, en van de verstrekte Gasie in een rondjaar aan het Ceilonsche tetachement; zoomeede van een soldij notitie met veertien schuldreekeningen en agtien quitantie rollen van de verstrekte gasie aan gem: militairen, mits „gaders van het duplitraet onser laesten van den 8:' deeser, terwijl wij na vriendelijke groete blijven /:onderstont:/ en geteekent:/ als vooren /:in margine/ Koelsien den 19:' 7ber: anno 1739: Wij hebben uw wel Ed: greerden van den 6: deeser met de bijlaegen wel, ontfangen en bedanken vriendelijk voor het aan ons toegesonden batavias pakel. Den brief voor soeratta zullen wij met de eerste geleegenheijd voor 't zenden. De korporaal bij het Ceilonsche de tachement genaemd Jacobus vuijslman van amsterdam win= nende ƒ14: —. volgens neevens gaende akte verzoekt als kapitain des' armes te worden bevordert wijl die plaets vaklant is en de soldaat Anthonij voorts: Simons: -

NL-HaNA_1.04.02_10017_0504 view scan ↗

English

To the same as before. Simons of Amsterdam, earning 9 guilders, requests to be promoted to corporal in his place. As the soldiers of the Ceylon detachment have so far received no more than eight rupees upon entering a new contract, it will be best to adhere to this, the more so because we hope that circumstances will permit sending them back during the good monsoon. Consequently, the soldiers Abraham Janse and Andries Engels remain serving under their old contracts for the time being. Furthermore, we enclose herewith the duplicate of our last letter of the 19th of this month, as well as a pay notice of the 21st, accompanying four expired deeds of Eastern soldiers, and we remain, after friendly greetings, signed as before. In the margin: Cochin, the 28th of December 1784. We have duly received Your Honors' esteemed letter of the 22nd of December last, and thank you for the dispatch box with mail from the fatherland sent to us, as well as a packet from the Cape of Good Hope. However, the first box containing letters for Surat has not been received and was also not mentioned in the Tuticorin accompanying letter, but we assume that it must be underway with other consignments. Upon receipt of the same, we shall forward the box and the received packet for Surat at the earliest opportunity. We request that the dried fruits, peas, and garden seeds brought for us from the Cape by the ship Trinkonomale be sent here by the first maritime opportunity, and we enclose a copy of the bill of lading and invoice received for them. Pursuant to Your Honors' request in your letter of the 18th of June of this year, we are now sending the narrow-ship De Verwagting with a full cargo of pepper on a bottom layer of 4,000 bags of saltpeter to Galle, but request that it be sent back to us as soon as possible, as it is exceedingly necessary here for patrolling the coasts. Under submission of the duplicate of our last letter of the 28th of December last dispatched to Tuticorin, and of the military report of the Ceylon detachment, we remain, after friendly greetings, signed as before. In the margin: Cochin, the 10th of October 1789. Postscript: On the accompanying list, the soldier of the Ceylon detachment Andries Englis of Vrijendael requests a new contract of three years at his former pay, and the soldier Christaen Pietersz of Duijnsburg, earning 11 guilders, requests an increase for five years. Their expired deeds and pay accounts are also enclosed herewith, and we have paid to each a bounty of eight rupees. Since the departure of our last letter of the 10th of October last, we have received from Tuticorin the boxes with papers from the fatherland for this government and for Surat, as well as Your Honors' esteemed letter of the 30th of December. From the Ceylon company of Malays, the soldier Bapa Ioma of Blambangan and the sergeant Pnoto of Kampong Grisse died here on the 16th and 24th of October. In place of the said sergeant, Captain Koch has nominated a son of the deceased Captain Basso, named Midien of Ceylon, who is listed as a private in the Company, but has already served for a long time as cadet, corporal, and sergeant therein. Upon the nomination of the said Captain Koch, we have enlisted in that company as privates Esmael of Sumbawa and Pacassa of Batavia, for whom we request that the deeds be sent here. According to the accompanying list, eight European private soldiers of the Ceylon detachment request an increase in pay and the customary bounty, whom we recommend to Your Honors. For the soldier Henrik Klaes Hop of Wildervank, who was nominated among others for an increase in our letter of the 8th of September, no deed has been received, which he now requests again. The Dewan or regent of Travancore has, in the name of his Master, informed the first signatory that a Moorish captain, Koenje

Dutch transcription

Aan als vooren. Simons van Amsterdam winnende ƒ9: ver zoekt in zijne plaats als korporaal bevordert teworden wijl de soldaaten van het Ceilonsche de tachement bij het maeken van een nieuw verband net meer als agt ropijen tot nu toe genooten hebben zoo zal het bext zijn daar bij, te blijven te meer wijl wij hoopen, dat de omstandigheeden het toelaaten zullen het zelve in de goede mousson terug te zonden, dienvolgende blijven de soldaaten Abraham Janse en Andries Engels op hun oude verband voor 'tloopen. voorts voegen wij hier bij het Duplikaat van onsen laatsten van den 19:' deeser zoomeede een Zoldij natitie van den 21:' ten gelijde van vier oude aktens van oosterlingen en blijven na vreendelijke groete /:onderstont :/ en geteekent:/ als vooren /:in margiene:/ koetsieim den 28:' xber: 1784 uw wel Edelen g'eerden van den 22:' xber: J:o leeden hebben wij wel ontvangen, en bedanken voor het aan ons toegesondene vaderlandsch brieven kasje, en een pakket van de kaep de Goede Hoop, dog het eerste in het kasse brieven voor soeralle zijn niet ontvangen en ook niet vermeld bij den tule korijnschen geleijde brief dog veronderstillen dat ze niet ander bestel goed onder weg zullen weesen bij ontvangst der zelver zullen wij het kasje en het ontvangen pakket voor soeratte bij de eerste gelegentheijd voortzenden. Wij verzoeken de met het schip Trinkonomale van de koep voor ons aangebragt drooge vrugten erten en tuijn Laeden met de eerste zees gelegen heijd herwaards tezenden en voegen hier bij een kopij van de daar van ontvangene kognosse ment faktuur Jngevolge uw wel Ed: verzoek bij brief van den 18:' Junij deeses Jaars, zenden wij tans het smalschip de verwagting met een volle laading peper op een onderlaeg van 4000. zakken sal peeter naar Gale dog verzoeken het selve ten eersten aan ons, te rug te zenden alsoo het hier ten uittersten noodsaekelijk is tot het bekruijssen der stran onder aanbiding van het duplikaat van onsen laesten van den 28:' ber: Jongst leeden voor den. brieven. titukonijn Aan als vooren tutukonijn afgesonden en van de militaire rapport van het Cailonsch detachement, blijven wij na vriendelijke Groete /:onderstont:/ en Getee„ kenl:/ als vooren /:in margine:/ koetjiem den 10:' 8ber: 1789: /:lager:/ P: S: bij de neevens gaende lijste de soldaat van het Ceilonse de lachement Andries Englis van Vrijendael om een nieuw ver band van drie Jaaren op zijn v###d winnende Christaen Pietersz: van gagie en de soldaat Duijnsburg winnende ƒ 11: om verbeetering voor vijf jaaren Hunne verjaarde akte en soldij reek gaen meede hierneevens en wij hebben aan ieder agt ropijen Douceur taalen verstrekken. zeeder het afgaan van onsen laesten van den 10: 8ber: Jongst loeden hebben wij de kasjes met vaderlandsche papieren voor dit gouvernement en voor soeralta, van Tutukorijn ontvangen gelijk ook uw wel Ed: geachte letteren van den 30:' xber van de Ceilonsche komp: Malaijers zijn op den 16: en 24:' 8ber: alhier overleeden de soldaat Bapa Ioma van Blunbai en de Jerjant pnoto va„ kamponggrisse Insteede van gem: sergant hieft kapitain, koch voorgedraegen een zoon van den overleeden kapitain Basso, met naeme Midien van Coilon, die als gemeene bij de Comp: staet, dog reeds lange als hadet korponael en serjant daar daar bij dienst gedaen heeft. wij hob laon op den voordragt van gem: kapitein koch bij die komp: als gemeenen in dienst genoo- men E smael van sumbawa en Pacassa van Jakkatra voor wien wij de aktens verzoeken herwaards te zende. volgens neevens gaende lijste verzoeken agt gemeene europeesche soldaeten van het Ceilonsche detache- ment om verbeetering in gagie en om het gewoone douceur, die wij aan uw wel Ed: voordraegen. voor den sordaat Henrik klaes-Hop van wilder vank die bij onsen brief van den 8:' 7ber: onder meer anderen, is voorgedraegen om verbeetering is geen akte ontvangen, die deselve thans nader verzoekt De Diwani of rijxbestierder van Trevankoor heeft uit naem van zijnen Meester aan den eerst getekenden te kennen gegeven, dat een Moor kapitain. koenje. 1

NL-HaNA_1.04.02_10017_0506 view scan ↗

English

named Koenje Minaen Pulle, who was sent to Jafna by a certain merchant Midien, Pulle Meter, to buy tobacco, was arrested there on account of a debt of his brother-in-law, and requests that he may be released from arrest, we refer this request to your Honour and enclose herewith for your consideration a copy of the letter from the mentioned Duvani. According to an enclosed list from our Postmaster, letters sent from Kolombo to this place are paid for there, and it also appears from this that postage has been demanded for letters addressed to the previously mentioned court, and that several other letters were sent free of charge. And because this is contrary to the order at the establishment of the post office, according to which for all letters received, postage must be paid by those to whom they are addressed, and the rulers of the places are exempt from that payment, we request that the necessary orders be given in that regard there, so that such will not happen again in the future, since through such handling letters are not only paid for twice, but confusion in the accounting of the postage fees may also arise. Enclosing the duplicate of our aforementioned letter of the 10th 8ber and a pay note of the last of August recently past, we remain, after friendly greetings, subscribed as before, in the margin: Koelsirg the 5th 9ber, anno 1759. Since the departure of our last of the 5th of November of the past year, of which the duplicate is enclosed, we have received by an English snow your Honour's esteemed letter of the 28th 8ber of the past year. The 1500 lb of candy sugar requested therein will be attended to at the first opportunity, while regarding your Honour's proposal to send rice to Gale with the Surat vessels that might touch here, we are obliged to inform you that the delivery thereof has barely started and is currently at a standstill, on account of the restless conduct of Tipu Sultan at our borders, and that it is very uncertain whether and when the same will proceed again; but that we constantly urge the King of Koetsiem to do so, and will send as much as our supply allows on every occasion. On the 24th 9ber the ship Taikonomale arrived here with your Honour's earlier letters of the 23rd and 8ber. The goods sent therewith for Zoedatta we will forward at the earliest opportunity; the 500 lb of coffee mentioned in the bill of lading was not delivered here, and the captain declares that he sent it ashore at Gal. The Captain-Lieutenant of the artillery Hupmera has been examined regarding his administration and has undertaken to supply the necessary explanation in a written report, which we shall send on a subsequent occasion. The ship Tainkonemale is being loaded with 500000 lb of saltpetre, and will proceed as soon as possible to Poaka, in order to take in the pepper lying there and convey it to Gale. Our small vessel De Verwagting arrived here on the 26th 9ber of the past year, and with it we received your Honour's despatches of the 29th and 31st 8ber aforementioned. The six barrels of bacon requested in the latter we cannot send, as we have only one and a half barrels in stock. On the 16th 9ber of the past year, the ordinary matross Machien from Batavia of the Ceylon Company passed away here. The soldier Beal Bach of Prague from the company of Captain Koch was flogged with the gauntlet on the 26th 9ber of the past year for committed thefts, and deported to sailor; we therefore request that his closed pay account be sent hither, and we shall provide another capable man in his place. The Tuticorin servants have sent us 10000 pagodas, which, although we have in return been assigned a ship from Batavia, we shall endeavour to repay in the month of January or at least before the end of the shipping season; but as one cannot always obtain Tuticorin pagodas here, we request to know in good time what other specie of coin is most acceptable over there, Surat rupees or piasters, serving in this regard that the said pagodas were sold for 340 Surat rupees per hundred, and we can thus send for the received 10000 pieces of pagodas 34000 pieces of Surat rupees, either in rupees or in piasters of 63 stuivers the piece here. We enclose herewith an invoice of account amounting to 144 rupees or ƒ 172. 16. and a pay note, dated the 5th 9ber of the past year, with which, after friendly greetings, we remain, subscribed as before, in the margin: Koetsiem, the 1st of December Anno 1789. EGklerk 18 Agreed Sybrands Malabar Examined HMaas To The Honourable Johan Gerard van Angelbeek, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director over the Company's Establishments on the said Coast, together with the Council, at Koetsiem. Honourable, Valiant, Manly, Wise, and Prudent, very Discreet Sir and Friends, To your Honours' successively received letters of the dates 17 9ber, 7 and 26 December, and 10 of this month, we shall have the honour to reply further, and we direct this solely to accompany the enclosed extract from our annual report, which is to be presented to the Honourable High Indian Government at the earliest opportunity. We kindly request your Honours to inform us to what extent there will be opportunity at Koetsiem No. 47

Dutch transcription

koenje Minaen Pulle genaemd, die door seeker koopman Midien, Pulle Meter, naar Jafna gezonden is, om tabak inte koopen aldaar ge arresteerd is, weegens een schuld, van zijn swager, en verzoekt dat hij uit arrest mogt ontslaegen worden, wij wij zen dit verzoek aan uw wel Ed: over en voegen hier bij tot spekulatie een kopij van den brief van den Duvani Vermeld. volgens een hier bij gevoegde Lijst van onzen Postmeester worden de van kolombo herwaar gezondene brieven aldaar betaelt, en daar bij blijkt ook, dat voor brieven aan den eer Aan als vooren geteekenden gerecht, pogtgelt ingevordert is, en dat verscheijdene andere brieven vrij zijn overgesonden. En wijl dit teegen de ordre bij de instelling van het post kantoor strij volgens welke voor alle brieven, die ontvan gen worden, door de geenen, aan wien deselve geaddresseert zijn, het port moet worden betaelt en de gebieders van de plretsen van die betaaling vrij zijn, /zoo verzoeken Zeder't afgaan van ons en laesten van den 5. november I:o L: waar van het duplicaet hierneevens, hebben wij met een Engel„ sche snaauw ontvangen uwer Edelen geachte letteren, van den 28. 8ber: J:o L: de daar bij gevraagde 1500. lb: Candij zuijker, zal met de eerste geleegenheijd bezoagd worden, terwijl wij op uw Ed„s voorstel om met de sura„ sche scheepen die hier dangieren mogten, rijst naaer gale te zenden, verplicht zijn te bedeelen dat de lever„ antie daer van naulijx begonnen is, en thans stil staet, weegens het ondustig gedra van Tipoe sultan op wij daar omtrent de nodige orders aldaar te stellen, dat zulx voortaen niet weder ge schied alsoo, door diergelijke behandeling de brieven niet alleen dubbeld betaelt worden maar ook een verwarring in de aanreekening van het portgelt kan ontslaan Onder bijvoeging van het duplicaat van onzen voormelden brief van den 10:' 8ber: en van een soldij notitie van den laetsten augusto Jongst heeden, blijven wij na vriendelijke groete /:onder= stont:/ ten geteekent:/ als vooren /:in margine:/ koelsirg den 5:' 9ber: anno 1759: wij onze onze grenden, en dat het zeer onzeeker, is of in wan neer dezelve weer voortgang neemen zal; doch dat wij den kooning van koetsiem geduurig daer toe aezetten en bij alle geleegenheijd zoo veel zenden zullen als onze voorraad toelaeten wil Den 24. 9ber: is het schip Taikonomale hier aengekoo„ men met uwer Edelen vroegere brieven van den 23. en 8ber: De daermeede gezondene goederen voor Zoedatta zullen wij bij geleegenheijd voorts drik„ ken; die bij het kognossement vermelde 500. lb: koffij zij alhier niet uitgeleeverd, en de kap„t verklaerd de zelve op gal naer de wal gezonden hebben. De kap=n Luct, van de artillerij Hupmera is over zijne administratie onderhouden en heeft aengenoom de nodige explikaatsie bij een schriftelij bericht te suppedeteeren het welk wij bij een volgende geleegenheid zenden zullen. Met schip Tainkonemale word met 500000. lb: salpe„ ter belaaden, en zal zo spoedig als moogelijk is, naer poaka gaan, om de daar liggende peper in te neemen en naar gale overtebrengen ons smalschip de verwagting is den 26 9ber J:o L: hier van aan gekoomen en daermeede hebben wij ontvangen uwell Edelen missiven van den 29. en 31. 8ber: voormeld De bij de laeste gevraagde ses vaaten spek kunnen wij niet zen„ den, wijl wij maer annderhalf vaaten in voorraad hebben. Den 16. 9ber J:o L: is de gemeene malccier machien van batavia van de Ceijlonse komp„e alhier overleeden. De zoldaet Beal bach van praag van de kompanie van kapiteijn koch is op den 26. 9ber: J: L: over gepleegde dieverijn met de spitsroede afgestaaft, en tot mattroos gedeporteerd;, wij verzoeken dus zijne afge„ slootene soldij reek: herwaerds te zenden, en zul„ „len een ander bequaam man in de plaats geeven De tutukorijnsche bedienden, hebben ons 10000. pagoden toegezonden die wij of schoon ons weeder om waer een schip van batavia toegedeeld is, in de maend Jann: of ten minsten voor 't eijndigen van de vaart, zullen tragten te restitueeren dan de wijl mijn hier niet altijd van tutucorijnse. pagooden koomen kan, zoo verzoeken wij bij tijds te weeten dat andere munt speetsie ginter aengenaemst is, soeratsch ropijen of piasters, dienende hier om„ „trent, dat gemelde pagooden voor 340 soeaats de ropijen verkogt zijn, en wij dus voor de ontvan„ gene 10'000 p„s pagooden 34000: p„s solaatsche„ ropijen, aan ropijen of aen piasters van di hier 63. stuijvers 63. stuijvs het p„s zenden kunnen wij voegen hier bij een factuur van aenreekening groot ropijen 144. of ƒ 172. 16. en een zoldij Notitie, gedaten den 5. 9ber: J:o L: waermeede na vriendelijke groete blijven /:onderstond:/ geteekend als vooren :/ in maa„ geene koetsiem den 1. december A„o 1789. EGklerk 18 Akkorbeert Sybrands Mallebaar Nagesien HMaas Aan Den Edelen Heer Johan Gerard van Angelbeek Raad ordinair van Nederlands Jndia Gouver„ neur en Directeur over 's Komp:s Etablissemen„ ten ten gemelde kust Nevens Den Raad Fe koetsiem Edele Erntfeste Manhafte Wijz en Voorzienigen zeer Dis„ Kreeten Heer en Vrienden Op Uwer Wel Edelens Successive ontfangene Brie„ ven de datis 17 Iber:, 7 en 26 December 10 dee„ zer zullen we d'eere hebben nader t'antwoorden, en rigten deezen thans eenelijk ten geleijde van 't ingesloten extrakt uijt onsen Jaarlijksen, welke met de eerste gelegendheid aan d' Edele Hoog Indischen Regeering staat aengebooden te worden Wij versoeken uwel Edelens vriendelijk ons te willen informeeren, in hoe verre er gelegendheijd te koetsiem No: 47: zal

NL-HaNA_1.04.02_10017_0510 view scan ↗

English

To the same as before will be, whether you can accommodate us annually with such timber as is mentioned in the aforesaid extract, or with other sorts which can serve for the same purposes for which this timber requested from Batavia is used, and at what prices more or less, so that we may guide ourselves accordingly in making our future timber requisitions. We have informed their High Mightinesses that we have conferred with your Honors on this subject and therefore kindly request a prompt reply to this, in order to still be able to communicate it to their High Mightinesses with one of the ships departing for Batavia this spring. For the rest, after friendly greetings, we remain, (underneath stood:) Noble, Honorable, Valiant, Wise, Prudent, Very Discreet Sir and friends, Your Honors' willing friends and servants, (signed) W: J: van De Graaff, P:r Sluijsken, G: E: Holst, M: P: Rakel, B: L: Van Zitter, (in the margin:) Colombo, 26 January 1789. Now that the ship Zeeland, according to your Honors' intention, is returning thither, we take this opportunity to answer your Honors' successively received letters mentioned in our last of 26 January of last year, the duplicate of which accompanies this. We first kindly thank your Honors for the rice and further goods sent to us with the ship De Batavier and the bearer of this, with which a very substantial service was rendered to this government. We have increased the soldier Johannes Smith in wages to f 13, of which the deed is enclosed herewith. Pursuant to your Honors' request, the cooper Jochem Frederik Trip of Lubeck goes over with this vessel to remain stationed there, whose closed pay account accompanies this, and he has enjoyed his board money and rice ration here until the middle of this month. Our entire stock of pepper was sent with De Batavier, so that we have nothing for the upcoming early ship; we shall request a couple of hundred thousand pounds from your Honors, but if that could perhaps not be met, it would do us a great service if Cochin could accommodate us with another 50000 this monsoon. The rest to load a return ship we will likely soon find from the Ceylon pepper. The ship De Thenecier has not yet appeared. That your Honors cannot meet our further requisition of rice makes us quite embarrassed, as we have no expectation of the harvest in the Jaffanapatnam lands, and also cannot count heavily on the supply from the Coromandel Coast. It will therefore be agreeable to us if your Honors, beyond fulfilling our first requisition, could accommodate us with some more rice or paddy. To collect the remainder of rice on our aforesaid requisition, we shall shortly send thither the ship De Gouverneur Generaal de Klerk, which can carry about 550 lasts, and it will be followed by the bark De Liefde, which is currently being repaired, as soon as it is launched, being able to hold 110 lasts of rice or 120 lasts of paddy. If your Honors see a chance to supply us with more grain than the aforesaid ship and bark can take in, we request that you inform us promptly, so that we may send another of our barks to collect it. It is an error of our master carpenter that he gave the thickness and length of the requested 35 beams in cobidos; they must actually be 37½ feet long and 23 inches thick across the cross, according to his further specification accompanying this in copy. We are obliged to your Honors for the promise made to accommodate Batavia with 10000 bundles of coir in reduction of the quantity requested of us, and we request that the same may be fulfilled without reduction, notwithstanding that we have caused 4260 bundles of coir to be landed from the bearer of this for Batavia because it is salted and therefore not needed here. The purchased ten chests of Behar opium can well be disposed of here, and we shall therefore look forward to receiving them. To the former blacksmith Heifort we have granted transport to the Netherlands with the ship De Batavier, and with the nails sent with De Batavier we shall act in accordance with your Honors' request. The requested return invoice of Kayamkulam accompanies this, and the 50-pound copper weight brought with De Batavier from Porca will be sent as soon as it is received from Galle. Although it is customary in Cochin to give twenty rupees as a gratuity to soldiers entering into a new contract, we nonetheless take the liberty to submit for your Honors' consideration whether the soldiers of the Ceylon Company ought not to be content with the gratuity paid here, which consists of the following, namely: To those earning f 9 and wishing to be increased to f 13 upon a new contract of 5 years, eight rupees; to those from f 11 to f 13, or from f 13 to

Dutch transcription

Aan als Vooren zal zyn, om ons met diergelijken hoútwerken als bij voorsz: Extract vermeld staan of met andere soo ten welke tot gelijke eindeins, als waar toe deeze van Batavia gevraagd wordende houtwerken ge¬ bruijkt worden, kunnen dienen Jaarlijks te gevie„ ven en tegens welke prijsen min of meer op de we voorlaan, in 't doen van onsen eijschen van houtwerken ons daar na kunnen rigten. Wij hebben hunne Hoog Edelheeden kennis te gee¬ ven dat we uwel Ed:s over dit onderwerp hebben onderhouden en verzoeken derhalven vriende lijk, hier op een spoedig antwoord, om dat nog m een der scheepen, die in dit voorjaar na Batavia vertrekken aan hunne Hoog Edelheeden te kun„ nen bedeelen. wij blijven voor 't overige na vriendelijke groe„ te (:onderstond:) Edele Erntfeste Manhafte wijze voorzienige zeer Dikreeten Heer en vrienden UwelEdelens Dwilligen Vriend en Dienaaren /:getekend W: J: van De Graaff P=r Sluijsken, G: E: Holst, M: P: Rakel B: L: Van Zitter /: in margine:/ Kolombo Den 26 Jann: 1789. Nu dat 't schip Zeeland volgens uwel Edelens intentsie na derwaarts te rug vertrekt bedienen we ons van deeze geleegendheid, om te beantwoorden U„ Werwel Edelens seusessive ontfangene brieven, vermeld bij onsen laatsten van den 26 Jann: J=o leeden waar van 't duplicaat deezen verzeld. we bedanken uwer wel Edelens voor af vriendelijk voor de rijst en verdere goederen, die ons met 't schip de Batavier en Brenger, deeses zijn toegezonden, waer meede aen dit gouvernement een zeer wee„ sendlijke dienst gedaan is. De soldaat Johannes Smith hebben wij in gagie verbeeterd tot ƒ 13 waar van de acte in closo deeses gaet Jngevolgen Uwer wel Ed:s verzoek verzoek gaat met deese bodem over om aldaar beschijden te blijven, de kuijper Jochem Frede¬ rik Trip, van Lubeek wiens afgeslotene soldij reekening deesen verzeld, en heeft hij zijn kostgeld en rijst randzoen hier genoten tot medio deezer onse Geheele voorraad van pe„ per is met d' Batavier verzonden, zo dat we niets hebben voor 't aanstaande vroegschip, wij zullen een paar honderd duijzend ponden van uwel Ed:s verzoeken, dan of die somtijds niet mogte kunne worden voldaen, zoude ons groote dienst geschieden so koetsiem ons in deese mousson met nog 50000 konde gerieven. De rest om een retourschip te bestorten zullen we haast denkelijk uijt de Ceijlonsche peper vinden. 'T schip, D' Thenecier komt nog niet opgedraagen ons Dat Dat uwel Edelens onse nadere eijsch van vijft¬ niet kunnen voldoen, maakt ons vrij wat verleegen wijl we geene verwagting hebben, van den oegst in de Jaffanapatnamsche Landen, en ook geene groote reekening kunnen maaken, op den aanvoer van de kust kormandel, Het zal ons mits dien aangenaam zijn indien Uwel Ed:s, boven de voldoening van onsen eersten eijsch ons met nog wat rijst„ of nelie konde gerieven. We zullen ter afhaal van de restand rijst op onsen voorsz: eisch, eerst daags derwaards zenden 't schip de Gouverneur Ge¬ nevaal de klerk dat omtrent 550 lasten kan, laaden, en zal 't zelve gevolgd worden van de Bark de Liefde, die thans vertimmerd word, de selve zo dra „ van stapel komt, kunnende dezelven 110 Lasten vijst of 120 lasten Nelie bergen. zo uwel Ed:s kans zien, om ons met meerder graanen te voorzien dan 't voorschr: schip en de bark kun„ nen in neemen, verzoeken we ons daar van spoedig te willen informeeren op dat we tot derselver af¬ haal nog een van onse Barken kunnen zenden 'T is een abuijs van onsen baas Timmerman dat hij de dikte en lengte van de gevraagd 35 balkin„ in cobidos heeft opgegeven, te moeten eijgendlijk lang zijn 37½ voeten en dik over 't kruijs 23 d=m volgens zijne nadere opgaven deese in Copia ver„ zellend we zijn Uwel Ed:s verpligt voor de gedaane toezegging om Batavia met 10000 bossen kaijer te gerieven in mindering van de ons gevraagde quan„ titeit en we versoeken dat dezelve zonder ver„ mindering mogen worden voldaan, onaangezien we in brenger deezes 4260 bossen kaijer hebben doen landen voor Batavia, om datze gezouten is en mits dien hier niet noodig. De ingekogte tien kisten behaarsche Amfioen, kun„ nen hier wel van de hand gezet worden, en zullen we ze derhalven te gemoet zien. staen de gew: Grofsmit Heifort, hebben we met 't schip de Batavier transport na nederland aan ons verleend en met de Batavier gezondene, spijkers, zullen we handelen overeenkomstig, Uwel Ede„ lens versoek De te rug gevraagde kalikoilansches factuur gaet hier nevens en 't 50 ponden koper gewigt dat met de Batavier van Porra is gebragt zal gezonden worden zo dra 't van Gale zal zijn ontfangen schoon 't te koetsiem in gebruijk is, om aen soldaeten die een nieuw verband aengaen, twintig ropijen tot een douceur te geven nemen we niet te min de vrijheid Uw Ed: in overweging te geven of de zoldaeten van de Cijlonsche Comp:s zig niet dienen te vreede te houden met het douceur dat hier word betaald en bestaad in 't volgende te weeten. Aan ƒ 9. - winnen en tot ƒ 13 willen verbeterd worden op een nieúw verband van 5 Jaaren, acht ropijen Aan die van ƒ 11 tot ƒ 13 af van ƒ 1. 3. tot te

NL-HaNA_1.04.02_10017_0512 view scan ↗

English

wish to be improved to ƒ 14, likewise eight rupees on a commitment of 3 years. To those who already earn ƒ 14 and wish to serve another 3 years at the same wage, likewise eight rupees. And to those who, with their current wage, without further improvement, wish to remain for another year, four rupees. Due to the expiration of his time, we have improved the wage of the drummer Paulus Fabre of Kolombo to ƒ 11, the deed of which is attached hereto. We have had Captain Lieutenant du Bois questioned at Gale concerning the two female slaves he brought with him, and since he declared and proved with the transport documents that he bought the one named Diena from a certain Karel Springes and the other named Klavis from a certain Jan Hendrik Slijder, we have left him further unmolested. As before, we send to Your Honors herewith the papers concerning this matter, consisting of: A copy report of the Gale Fiscal D'Estadau and Secretary van Albedhijl, a declaration of the aforementioned Du Bois, two attestations of Lieutenant Fonnon and Second Lieutenant Boers, and a copy resolution of the Gale servants. We also add hereto two pay notes of 24 December and 17 January last, with the accompanying pay accounts of the corporal Eggers, Wiggers, and the sailors Fernando and Peter. Our supply of saltpeter amounts to 500000 lb, and when, according to Your Honors' commitment, we receive 300000 lb with the Thenecier, we shall still lack more or less 200000 lb as ballast for our upcoming return ships. And if Your Honors can provide this quantity to us with the upcoming pepper ship, we request that it be allocated to us. For the rest, after friendly greetings, we remain. Was signed: As before. In the margin: Kolombo, 7 February 1789. Below: P.S. On account of the great scarcity of lamp oil, we present to Your Honors herewith a requisition for 20 to 30 leagers thereof, with the request to accommodate us therewith as soon as possible. With the arrival of the ship De Thenecier, we had the honor to receive Your Honors' esteemed missive of the 4th of this month, and we thank Your Honors kindly for the goods sent to us therewith. We are very obliged to Your Honors for the 703 lasts of rice already sent to us and the promise of the 297 lasts that are still lacking from our requisition of 1000 lasts, together with as much more rice as Your Honors will be able to add thereto on our further requisition made. Herewith a great service will be rendered to us, and if Your Honors, besides the aforementioned rice, could moreover provide us with a consignment of paddy, the more the better, as we have already requested in our letter of the 7th of this month, we request by this further to point to the obligation to assist us therewith as well. We shall inform Their High Noble Excellencies with the ship De Thenecier that we have been informed by Your Honors that the cash supply of Koetsiem does not permit buying rice for this Government in the imminent season, unless the necessary funds are sent from here for that purpose, and that because we can make no promise in this regard with that certainty necessary to rely upon, we are compelled to make to them a further requisition of 1000 to 1200 lasts of rice. Meanwhile, we request very kindly that you nevertheless do everything in procuring rice for Cijlon that Your Honors shall find to be possible; for besides it not being too certain whether Their High Noble Excellencies may have the opportunity to satisfy the rice that we are about to request from them as aforesaid, in any case, and even if we should receive our full requisition from Batavia, the Koetsiem rice will come in very handy on Cijlon. To the Prince of Bansermassing and the three Malay sailors of the wrecked Dutch private ship, as well as to the Company's sepoys, we shall grant passage to Batavia on the Thenecier. The bearer of this is the ship De Gouverneur Generaal de Klerk, which we let depart thither to collect the supplies mentioned above. This ship has remaining here to its credit 21240 lb of rice and 4040 lb of katsang as rations for 4 months, for the benefit of 7 cabin guests, 10 deck officers, 58 common Europeans, and 26 Chinese, which we politely request you to let be issued to the same there. The steward's mate of the Company's ship Zeeland, Wouter Jansz Vincent, who hid himself upon the departure of that vessel, crosses over with the bearer of this to reach his designated vessel, and we let his debt account accompany this, alongside a corresponding pay note. Also crossing over with this vessel are the chief carpenter Joseph Hagemijer and the quartermaster Cavelstaan, who were taken off the ship Zeeland on account of illness, and their pay accounts also go herewith, accompanied by a relative pay note. We also present to Your Honors enclosed herein a memorandum amounting to ƒ 20. 10. 8 in favor of the officers of the ship Zeeland, an invoice of charges amounting to ƒ 988. 15. —, a pay note of the 12th of this month, duplicate.

Dutch transcription

tot ƒ 14 willen verbeeterd zijn, op een verband van 3 Jaaren meede agt ropijen. Aan die reeds van ƒ 14. winnen, en op deselfde gagie nog 3 Jaaren willen dienen, insgelijks acht ropijen en. Aan die met hunne winnende gagie, zonder ver„ dere verbetering, nog een Jaar willen overblijven Vier Kopijen. Den Tambour Paulus Fabre van Kolomb hebben we mits tijds expiratie, in gagie verbeederd tot ƒ 11 waar van de acte Hier nevens gaat. we heb den den Capitein Luijtenant du Bois te Gale laaten onderhouden, over de door hem meede gebragte twee slavinnen, en wijl hij verklaarden met de tran¬ porten bewezen heeft de eene gent: Diena van nen Karel Springes en de andre Genaamt Klavis van eenen Jan Hendrik Slijder gekogt te hebb hebben we hem verder ongemoeijd gelaten, we zende Aan als vooren uwel Edelens hier nevens de papieren betreffende dese zaak bestaende in. Een Copij berigt van de gaals Fiscaal D'Esta dau en secretaris van Albedhijl een de Claratoir van Gem: Du Bois twee attestan van den Luitenant Fonnon en Sous Luitenant Boers en een Copij resolutie van de gaalsche bedienden Nog voegen we hier bij twee zoldij notitien vand 24 xber: en 17 Janu: Ileeden, met de daar bij ver„ Met de komste van 't Schip D. Thenecier, hebbe We d' Eere gehad te ontvangen Uwar Wel Edelens ge„ agte mijsive van den 4 deeser en we bedanken Uwer wel Edelens vriendelijk voor de goederen, ons daar meede toegezonden. Wij zijn uw wel Ed: zeer verpligt voor de reeds aan ons toegezonde re 703 Lasten rijst en de toezegging der 297, lasten die op onsen eijsch van 1000 lasten nog ontbreeken, met nog zo veel meerder rijst als uwel Edelens daar bij zullen kunnen voegen meede Zoldij reekening van den Cooporaal Eggers fernando, en Peter. Wiggers, en de Mattroosen „en wanneer wij volgens uwel Ed: besegging ƒ 300000. lb: Onse Voorraad van Salpeeter is groot 500000 lb: met den Thenecier bekoomen, zullen ons nog min of meer 200000 lb: ontbreeken tot onderlaag voor onse aenstaende retourscheepen en zo uwel Ed:s deese quantiteit aen ons kunnen bezorgen met het aanstaande retourscheepen en zo uwel Ed: deese quantiteit aen ons kunnen bezorgen, met 't aenstaen de peper schip, versoek we dat aan ons te bedeelen wij blijven voor 't overige na vriendelijk groete:/ onderstond:/ en getekend:/ Als vooren /:in mar„ giene:/ Kolombo den 7 februarij 1789. /: Lager:/ P: S: mits de groote schaarsheid van lampolij, bieden we Uwel Ed:s hier neevens aen een eisch van 20 â 30 Leggers daar van met versoek om ons daer meede hoe liever te willen gerieven. meede op onse nadere gedane eisch. Hier mede zal ons grote dienst geschieden en zo uwel Edelens behalven de Voorz: Rijst ons ook boven dien nog wat een parthij Nelie hoe meer zo beeter kunnen voorzien, zo als we dat reeds bij onsen brief van den 7 deeser versogt hebben, verzoeken we door deesen nader op de verbindeniste te wijse om ons ook daar meede te willen assisteeren. we zullen aan Hunne Hoog Edelheeden met 't schip de Thenecier kennis geeven dat we door uw Wel Edelen zijn onderrigt dat de geld voorraed van koetsiem niet toelaat om in 't haast koomen de saisoen voor dit Gouvernement rijst in te koopen ten waare van hier daar toe, de nodige fondsen worden gezonden en dat wijl we hier omtrent Geen toesegging doen kunnen met die versekering als nodig zij om daar op te kunne aengaan we genoodzaakt zijn aen hoogst denzelven te doen een nadere eijsch van 1000 tot 1200 Lasten rijst Jntussche verzoeken we zeer vriendelijk om des niet te min int besorgen van rijst voor Cijlon te willen doen alles moet uwel Ed:s zullen bevinden mogelijk te wezen, want be„ halven dat 't niet de te zeeker zijt of Hunne Hoog„ Edelheedens geleegendheid kunnen hebben om de rijst die we invoegen voorsz: nog staan te vragen, aen ons te voldoen, zo sal in alle geval, en al kreegen we ook onsen vollen eisch van Batavia, de koetsieme rijst op Cijlon zeer wel te pas koomen. Aan Den Prins van Bansermassingen de drie maleidsche mattroosen van 't verongelukte Hollandsche particuliere Schip, zo wel als aan de Comp: sipijkis, zullen we met de Phinecier transport na Batavia verleenen. Brenger deeses is t schip de Gouverneur Generaal de klerk 't welk we derwaards laaten Vertrekken, ter afhaal van d' hier boven vermelde Opgaaven Dit schip heeft alhier te goed behouden 21240 ld: rijst en 4040 lb: katsany tot randzoen voor 4 maanden, ten behoeve van 7 kajuijtsgasten, 10 deks officieren, 58 gemeene Europeesen en 26 sineesen, welke we gedienstig versoeken aldaar aan 't zelven te willen laten verstrek¬ De Boteliers maat van 't„ Zeeland Wouter Iansz Vin cent die bij 't vertrek van dien bodem zig schuijl ge„ ede zijn houden heeft, gaat met brenger deeses over om„ bescheiden bodem te geraaken, en we laaten zijne schuld„ reekening deesen versellen, neevens eene daar toe ge„ hoorende zoldij notitie. Nog gaan met deesen bodem over de Oppertimmerman Joseph Hagemijer en de Quartiermeester Cavel staan die mits ziekte van 't schip Zeeland geligt zijn, en gaan hunne zoldij reekeningen mede hier nevens, verzeld van eene daar toe relative zoldij notitie Nog bieden we Uwel Edelens in desen gesloten aan eene memorie groot ƒ 20. 10. 8. ten voordeele van de overheeden van het schip Zeeland Ene factuur van aanreekening groot ƒ 988. 15. — eene zoldij notietie van den 12. deeser 's duplikaat ken. Comp van sschip

NL-HaNA_1.04.02_10017_0514 view scan ↗

English

To the same as before. Of our letter of the 7th of this month, with the duplicate of the requisition for coconut oil sent alongside it, and a packet of letters for the ministers at Soeratta, for which we request further forwarding. For the rest, after friendly greetings, we remain. Subscribed and signed: as before. In the margin: Kolombo, the 17th of February 1789. Below: P.S. We also add herewith 1 bill of lading of the goods landed from the ship De Gouverneur Generaal De Klerk; 1 invoice to the amount of f 4479. 19; 1 catalogue of medicines; 2 Galle expense accounts; 3 Kolombo ditto; 2 Galle ditto; 2 Kolombo ditto of today's date; a letter from the Council of Justice here, with an open flying seal, addressed to the similar Council there, for which we request a proper address. We let this serve to accompany the bark De Liefde, which, according to what was communicated in our letter of the 7th of February last, we are now dispatching thither to collect grains, with the very friendly request that, in case it might at times be impracticable for Your Honours to procure a cargo of rice or paddy for this vessel beyond the cargo of rice or paddy that we anticipate with the ship De Gouverneur Generaal De Klerk, you would then be pleased to have said bark loaded by preference with a full cargo of rice for Colombo, as time has now advanced too far to have the ship De Gouverneur Generaal De Klerk discharge her cargo here; wherefore we request Your Honours to dispatch the same, with the remaining grains and whatever else Your Honours have on hand for this Government, directly to Gale. We offer Your Honours herewith a further requisition for 2000 lb of candles, which we very serviceably request Your Honours to be pleased to send us at the first opportunity; likewise to be pleased to accommodate us with 500 lb of sandalwood. The soldier Christiaan Van der Kamp, who was stationed there under the company of Captain Koch and came here on leave, was placed by us under the company of Captain Boissimon on the 15th of February last and shall remain stationed here; thus we request Your Honours to be pleased to inform us until what date he enjoyed pay and board money there. Furthermore, we offer Your Honours herewith two pay notes of the 9th and 12th of this month, and an invoice of the 18th of this month to the amount of f 7572. 14. 8, in two packets addressed to Your Honours, which were brought here yesterday with the ship Hinloopen from Batavia. For the rest, after friendly greetings, we remain. Subscribed and signed: as before. In the margin: Kolombo, the 19th of March 1789. To the same as before. We have the honour to present to Your Honours enclosed two packets of letters that we received from the ministers at Hougli and Palleacatta for further forwarding to Your Honours, to which we also add the duplicate of our last letter of the 19th of March last and of the further requisition for candles sent alongside it, as well as a packet of letters for the ministers at Suratta, to which we request you will be pleased to grant further transport upon an upcoming opportunity. For the rest, after friendly greetings, we remain. Subscribed and signed: as before. In the margin: Kolombo, the 11th of April 1789. We had the honour to receive Your Honours' esteemed missives of the 30th of April and the 3rd of May last. Regarding the timber works that we require over and above our requisition of the 21st of November 1788, we shall reply in the next following letter. The promised cargo of pepper with the small vessel De Verwagting we shall, through Your Honours' goodness, await with the opening of the navigation. We thank Your Honours kindly for the grain and other goods provided with the ship De Gouverneur Generaal De Klerk and the bark De Liefde. We have increased the soldiers Christiaan Rose, Hendrik Elderings, and Pieter Quint in pay from f 13 to f 14, and the soldiers Jacob van der Sanden and Jacobus Keuwenberg from f 9 to f 13, and kindly request Your Honours to be pleased to have the requested gratuity disbursed to them, as well as to the soldiers Theele Coenvanstentzing and Willem Hartenberg who earn f 14 and wish to enter into a new engagement, according to the stipulations in our letter of the 7th of February last. The deeds for the aforesaid 5 promoted soldiers are transmitted enclosed herewith. To the same as before. We had the honour to receive Your Honours' esteemed missive of the 8th of this month, with the papers mentioned therein; and as there is nothing to reply thereto, this serves solely. The requested tally stick goes herewith. We have no coconut moulds in stock to be manufactured at Koetsiem according to the tally stick; nevertheless, we shall have a set of them made here if Your Honours should deem it fit to still require them, which we request you to inform us further about. We thank Your Honours for the delivered copies of Your Honours' advisories to the Gentlemen Majors and the High Indian Government, and have already forwarded the packet for the ministers of Coromandel to Palleacatta. The charged amount of f 1740 to the debit of the commander of the bark De Liefde, we shall have paid in by them here into the Company's treasury. We let this be accompanied further by the duplicate of our letter of the 11th of April last, alongside three Colombo pay notes of the 4th and 25th of May and the 8th of this month, with the account mentioned in the second. For the rest, after friendly greetings, we remain. Subscribed and signed: as before. In the margin: Kolombo, the 18th of June 1789.

Dutch transcription

aan als Vooren van onzen brief van den 7 deeser met 't dubbel van de daar nevens afgaanen eisch van kokus olie en Een brief paket voor de ministers te soeratta„ waar voor we eene verdere voortschikking verzoeken wij blijven voor 't overige na vriendelijke groete onderstond) en getekend:/ als, Vooren /:in margine:/ kolombo Den voegen 17 febr: 1789 /:Lager:/ I: S: nog„ wij bij deesen 1 kog nossement van 't gelandene in 't schip de Gouverneuur Generaal De Klerk, 1 faktuur groot ƒ4479. 19 1 katalogus der medikamenten Gaalsche onkostreekening 2 Kolombose do. 3 Gaalse do 2 kolombose d=o — van hedigen datum Een brief van den raad van Justitie alhier met open slip aan gelijken rade aldaar gerigt waar voor wij behoorlijk addres versoeken. Wij Laaten deesen dienen ten gelijde van d' Bark de Liefde die we volgens 't bedeelde bij onsen brief van den 7 februarij PL: thans na derwaards laeten vertrek ken ter afhaal van graanen met zeer vriendelijk versoek om in gevalle 't uwel Ed:s somtijds ondoendelijk konde weezen om dit vaartuig buijten de lading vijk of nelie die we met het schip geGouverneur Generaal de klerk te gemoet zien, ook eene lading rijst of nelie te besorgen als dan aan gem: Bark bij preverentie eene volle lading aan als Vooren Rijst te willen laaten ingeeven voor Colombo wijl de tijd thans te veel verloopen is, om 't schip D' Gouverneur Generaal de klerk hier zijne lading te doen bossen weshalven we uwelEd:s verzoeken 't zelven, met de overige graanen en 't geen uwel Edelens verder voor dit Gouvernement aan handen hebben direct na Gale te depecheeren. Wij bieden uwel Edelens hier nevens aen een nadere eijsch van 2000 lb kaarsen die wij uwel Edelens zeer gedienstig verzoeken, ons met de eerste geleegendheid te willen laaten toekoomen. zoo meede ons te willen gerieven met 500 lb: sandelhout De soldaad Christiaan Van der Kamp, die onder Komp: van kapitain koch aldaar beschijden geweest en met verlof Alhier gekoomen is, hebben we met den 15.:' febr: J=o leeden onder de komp: van kapitein Boissimon geplaatst en zal hier beschijden blijven, dus we uwel Ed:s versoe„ ken ons te willen bedeelen tot hoe lange hij aldaar gagie en kostgeld genooten heeft Nog bieden we uwel Ed:s hier nevens een twee zoldij notitien van d. 9 en 12 deeser een factuur van den 18 deeser groot ƒ 7572. 14. 8. in twee puketten aen uwel Ed: gerigt die gisteren met 't schip Hinloopen van Ba„ lavia alhier aangebragt zijn. wij blijven voor 't overige na vriendelijke groete :/ onder„ stond:/ en getekend/ Als vooren /:in margine:/ kolombo den 19 maart 1789 Rijst wij Aan als Vooren Wij hebben de Eer Uwel Edelen in Closo deeles aantebieden twee brief paketten, die we van de ministers te Hougli en Palleacatta hebben ontvangen ter verdere voortschikking aan uwel Ed:s waar bij we nog voegen 't dubbel van onsen laatsten van den 19 maart I=o Leeden en van den daar neevens gezondene naderen eisch van kaarsen nevens een brief paket voor de Ministers te Suratta, waer aen we versteken bij voorkomende gelegendheijd verder transport te willen verleenen wij blijven voor 't overige na vriendelijke groete /:onderstond:/ en geteekend:/ als Vooren /:in margene:/ Kolombo Den 11 April 1789 wij hebben de eere gehad te ontvangen Uwer wel Ed=ns g'achte missives van den 30 April en 3.' Meij I: L:t we zullen nopens de Houtwerken die we boven en behalven on„ sen eisch van den 21 9ber: 1788 nodig hebben bij de eerst volgen„ „de brief andwoorden. De toegezegde lading peper met 't smalschip De verwagting, zul„ len we door uwel Edelens goedheid met het opengaan van de vaart verwagten. We bedanken uwel Ed=ns vriendelijk voor de bezorgde graanen en andere goederen, met 't schip de gouverneur generaal de klerk en de bark de Liefde Wij hebben de soldaaten Christiaan Rose, Hendrik Elderings en Pieter quint in gagie verbeeterd van ƒ 13 tot ƒ 14.— en de Zoldaaten Jacob van der Sanden en Jacobus Keu¬ wenberg van ƒ 9 tot ƒ 13 en verzoeken uwel Ed=s vrien„ delijk aan hun zoo wel als aan de zoldaaten Theele Coenvan Aan als vooren en wij hebben de eere gehad te ontvangen uwer wel Ed=lne g'achte Missive van den 8 deezer, met de daar bij vermelde, papieren; en wijl daar op niets te rescribeeren valt dient deezen eene„ stentzing en Willem Hartenberg die ƒ 14 winnen en een nieuw verband willen aangaan, 't verzogte, douceur te willen laten uitkeeren volgens de bepaaling bij onsen brief van den 7: februarij I=o L de acten voor de voorsz: verbeeterde 5 zoldaaten gaan in closo deezes over De gevraagde talstok gaat hier nevens we hebben geen kokus mallen in voorraad te kunnen te koetsiem na de talstok worden vervaardigt niet te min zullen we hier een stel daar van doen maaken zoo uwel Ed=ne mogten goed vinden ze nog nodig te hebben het geen we verzoeken ons nader te bedeelen. we bedanken uwel Ed=ns voor de bezorgde afschriften van uwe Ed=n advisen aan de Heeren Majores en de Hooge indische regeering, en hebben het paket voor de Ministers van kormandel, reeds na Palleacatta voort geschikt, 'T aangereekende bedraagen van ƒ 1740 ten laste van den ge„ zaghebber van de bark de liefde, zullen we door hun hier in 's' Comp: cas laten tellen wij laten deezen nog verzellen het Duplicaat van onsen brief van den 11 April J:o L: nevens drie Colombosche zoldij no„ „tities van den 4 en 25 Maij en 8 deezer met de reekening bij de tweede gemelde vermeld wij blijven voor 't overige na vriendelijke groete /:onderstond en geteekend, als vooren /:in margine:/ kolombo den 18. ' Junij 1789 Henteling lijk

NL-HaNA_1.04.02_10017_0516 view scan ↗

English

To the same as before To the same as before duly for communication thereof. For the rest, after friendly greetings, we remain, was signed as before. In the margin: Kolombo, 26 June, Anno 1789. Pursuant to our promise made by letter of 18 June last, we have the honor to present herewith to Your Honors a requisition for timber, which we kindly request you to provide us, for the prices stated in the specification sent to us by Your Honors. We also present herewith to Your Honors copies of our advices to the Motherland and Batavia of the year 1788. For the enclosed letter to the Gentlemen Ministers at Souratta, we request a favorable address. For the rest, after friendly greetings, we remain, was signed as before. In the margin: Kolombo, 14 July 1789. The Noble High Government of the Indies has informed us of the decision of the Gentlemen Masters to employ packet boats for the reciprocal conveyance of letters, with instructions to inform Your Honors of the fixed departure time of the packet boat, which is destined to make two voyages from Ceylon to the Cape of Good Hope from the month of February to the month of November, in order that Your Honors may send your papers for the motherland to Ceylon in time. The packet boat destined for Ceylon has not yet arrived here, and we can therefore not determine with certainty when it may be dispatched; nevertheless, it serves for Your Honors' information that if this vessel should arrive here in this or the coming month, we shall then have it make the first voyage to the Cape by the end of next month. Being uncertain whether Your Honors have already been provided with the plan regarding the employment of the packet boats, we enclose a copy thereof herewith, and as soon as we have regulated the fixed sailing days of the Ceylon packet boat for the future, we shall give Your Honors further notice thereof. The High Government of the Indies having been pleased to approve the appointment of Lodewijk Joseph Soeter as ensign, we present herewith to Your Honors the received deed with the request to have it delivered to him. We also add hereto a pay note of 18 July, a letter to the Governor-General of Goa, and a letter to the Gentlemen Ministers at Souratta, with the kind request to provide the latter two with proper addresses. For the rest, after friendly greetings, we remain, was signed as before. In the margin: Kolombo, 5 August 1789. P.S. This is also accompanied by our duplicate letters of 14 July last. To the same as before We have had the honor to receive via Tutukorijn Your Honors' esteemed missive of 21 July last. In accordance with the nominations made therein, we have, on account of the demise of the Eastern Captain Basso of Samarang, made the following promotions in his vacant company, namely: Lieutenant Abitum of Fluit to captain, Ensign Bapa Dalang of Samarang to lieutenant, Sergeant Draman of Mangadoea to ensign, Corporal Pakkier of Batavia to sergeant, and Soldier Takarodiem of Batavia to corporal, of which the deeds are enclosed herein. We have furthermore promoted the nominated Cadet Sabodien of Kampong Banda to ensign, trusting that Your Honors deem a second ensign necessary in this company; his deed is likewise enclosed herewith. For the rest, after friendly greetings, we remain, was signed as before. In the margin: Kolombo, 9 August 1789. P.S. We also send To the same as before to Your Honors herewith the duplicate of our last letter of the 5th of this month, an invoice of 31 July amounting to 460 florins, 8 stivers, 8 penningen, two pay notes of the 6th of this month, and a letter for the Gentlemen Ministers at Soeratta, for which latter we kindly request an address. We take the liberty of presenting herewith to Your Honors a requisition for wax candles and coconut oil, which we require here, with the friendly request to be pleased to provide us with the same upon the opening of navigation, and a pay note of the 14th of this month with the five vouchers mentioned therein. For the rest, after friendly greetings, we remain, was signed as before. In the margin: Kolombo, 25 August 1789. We have the honor to inform Your Honors hereby that this year we shall supply the coir from here ourselves, in order to meet the Batavia requisition. Furthermore, pursuant to the recommendation of Their High Excellencies, we very kindly request Your Honors that whenever in the future occasion requires Your Honors to send us saltpeter or any other return goods for the motherland on freight, to destine the vessels directly to Gale. We present herewith to Your Honors the duplicate of our last letter of the 25th of this month, and remain for Your Honors the

Dutch transcription

Aan als vooren Aan als vooren lijk tot communicaatie daar van wij blijven voor het overi ge„ na vriendelijke groete /:onderstond en geteekend:/ als vooren /: in margine:/ Kolombo den 26 Iunij A=o 1789. volgens onse gedane belofte bij brieve van den 18 Junij J:o l: hebben we de eer uwel wel Ed=ns hier nevens aan te bieden een eisch van Houtwerken, die we vriendelijk verzoeken ons tewillen bezorgen, voor de prijzen vermeld bij de door uwel Ed=ns ons toe„ gezondene aan wijzing. ook bieder we uwwel Ed=ns hier nevens aan Capijen onser advij„ zen na Patria en Batavia de anno 1788. voor den inleggenden brief aan de Heeren Ministers te Souva ta, verzoeken we eene gunstige addresse wij blijven voor het overige na vriendelijke groete /:onderstond en geteekend:/ als voor ven /:in margine:/ kolombo den 14 Iulij 1789 De Edele hooge indische Regeering heeft ons kennis ge„ geven, van het besluijt van de Heeren Meesters, om tot 't over en weder brengen van brieven, paquet boo„ ten te emploijeeren, met last om aan uwel Edelens te informeeren, van den bepaalden vertrek tijd der paquet bood, die bestemd is om van de maand fi„ „bruarij tot de maand november twee togten van ael „lon na de Caab der goede Hoop te doen, ten einde uwel Edelens derzelver papieren voor het vaderland, in tijds na Ceilon kunnen zenden. De voor Ceilon bestemde paquet bood is Hier nog niet aangekoomen en we kunnen dus niet voor vast bepaalen, wanneer de zelve kan gedepecheerd worden, dog dient intusschen tot uwel Edelens narigt, dat zoo dit vaartuijge in deeze of de aanstaande maand hier mogten aan koomen, wij als dan 't zelve met 't laast van de aanstaande maand de eerste togd na de caab zullen laaten doen In de onzeekerheid of uwel Edelens reeds voorzien zijn van het plan nopens 't emploij der paquet boo„ ten, voegen wij daar van een afschrift hier nevens en zo dra wij de vaste zeildaagen van de ceilonsche paquet boot voor den aanstaande zullen hebben gereguleerd, zullen wij uwel Edelens daar van nader kennis geeven. De Hooge indiasche regeering behaagd hebbende te approbeeren de aanstelling van Lodewijk Joseph soeter tot vaandrig, bieden we uwel Ed:s hier nevens aan de ontvangene acte met verzoek dezelve aan hem te doen ter hand stellen ook voegen wil hier bij een soldij notitie van den 18 Julij, een breef aen den gouverneur generaal van god en een brief aan de Heeren Ministers te Souralla, met vriende„ lijk verzoek de twee laaste behoorlijke addresse te doen verleenen. wij blijven voor het overige na vriendelijke groete /:onderstond: en geteekend, als vooren. /:in margine:/ Kolombo Den 5. Augustus 1789 P: S: Nog verzeld deezen, onzen duplicaat letteren van aangekoomen den den 14 Julij Jo L: Aan als Vooren wij hebben de eer gehad over Tutukorijn te ontvan„ gen uwer wel Edelens geachte missive van den Aan als vooren 21. Iulij Io leeden Ingevolge de daar bij gedaane voordragten, hebben we mits het overlijden van den oosterschen Capitain Basso van Samarang, bij zijne vacante Comp: de volgende promotien gedaan, naamelijk Den Luitenant Abitum van fluit tot capitain Den vaandrig Bapa Dalang van Samarang tot luijtenant Den Zergeant Draman van Mangadoea tot van drig Den Corporaal Pakkier van Batavia tot Zerge ant, en Den zoldaat Takarodiem van Batavia tot cor„ poraal waar van de acten in deezen geslooten overgaan Nog hebben we den voorgedraagen cadet sabodien van kampong Banda, wel de tot vaandrig bevon derd, in vertrouwen dat uwel Edelens een tweede vaandrig bij deeze Comp: nodig oordeele zijne acte gaat tans insgelijks over Wij blijven voor 't overige na vriendelijke groete /:onderstond en geteekend:/ als vooren /:in margine kolombo Den 9 Augustus 1709 P: S: wij du Aan als vooren uwel Edelens bij deesen nog aan het dup: onser laatsten van den 5 dezer, een factuur van den 31 Iulij groot ƒ 460: 8:8.- twee zoldij notisien van den 6 deser en een brief voor de heeren ministers te soeratta voor welke laatste wij vriendelijk addres verzoeken. wij gebruiken de vrijheid uwwel Edelens hier nevens aan„ te bieden een eijsch van waks kaarsen en kokus olie, die we hier benodigt zijn met vriendelijk verzoek dezelve bij openvaart ons te willen besorgen, en een soldij no„ titie van den 14. ' deezer met de daar bij vermelde vijf bewijzen wij blijven voor het overige na vriendelijke groete /:on„ derstond en geteekend:/ als vooren /:in margine:/ kolombo Den 25 augustus 1789 wij hebben de eere uwel Edelens door deezen te infor„ meeren, dat we dit Jaar de kaijer, ter voldoening van den Bataviasche eijsch van hier zelve zullen voldoen. voorts verzoeken we Uwel Edelens, ingevolge de aan„ beveeling van hunne hoog Edelh: zeer vreendelijk dat wanneer in 't vervolg de geleegentheid t vereijsche dat uwel Ed=s salpeeter of eenige andere retouren pro„ patria, aan ons opvragt moeten toezenden, als aan de waartuijgen direct na gale te destineeren wij bieden uwel Edelens hier nevens aan het duplicant onzen laaste van den 25. Deezer en blijve voor uwel het

NL-HaNA_1.04.02_10017_0518 view scan ↗

English

For the rest, after friendly greetings, signed as before, in the margin, Kolombo, the 30th of August 1789. We have had the honor to receive Your Right Noble Honor's esteemed letter of the 3rd of August last. In accordance with Your Right Noble Honor's proposal, we have increased the pay of the soldiers Friederich Reijzel from Delft and Johannes Berkmeijer from Amsteldam, the former to ƒ 14 for three years, and the latter to ƒ 13 for 5 years; however, the soldier Jakob Andre from Kaltere must content himself with his current pay of ƒ 11.5, and we can also grant him no bonus because he is a native. To the European soldiers in this government who already earn the highest pay, we grant a bonus of eight rupees when they enter into a new three-year contract at the same wage, as we communicated to Your Right Noble Honor in our letter of the 7th of February; but if the soldiers Abraham Janzen from Amsteldam and Andries Engelis Vrijendaal do not wish to enter into this new contract otherwise than for a bonus of twenty rupees, we request Your Right Noble Honor to grant it to them. We very gladly grant the request of the soldiers Ernst Schrijver from Keten and Traugod Godfried Mentzel from Hertzberg to be permitted to transfer to the Koetsiem garrison, and let, addressed as before, their closed pay accounts accompany this, to which are also annexed the certificates for the aforementioned two soldiers with increased pay, and the old certificates of the aforementioned Janzen, Engelis, and Andre. Annexed hereto also goes a pay memorandum of the 5th of this month, whereby the request is met of the six soldiers named on the list sent to us to be clarified whether they are still in arrears. According to the promise in our letter of the 5th of August last, we hereby inform Your Right Noble Honor that we have determined the departure dates for the packet boats to the Cape of Good Hope for the coming year at mid-May and the end of August. Furthermore, we offer Your Right Noble Honor herewith the duplicate of our letter of the 30th of August last, a Batavian letter packet brought for Your Right Noble Honor by the ship De Zaanstroom, and a letter for the ministers at Soeratta, for which we kindly request further conveyance. For the rest, after friendly greetings, we remain, signed as before, in the margin, Kolombo, the 6th of September 1789. We have the honor to present to Your Right Noble Honor herewith a sealed small box received from the motherland and a letter from the Honorable Ministers of the Cape of Good Hope, both brought by the ship Trinkonomaale, along with the duplicate of our last letter of the 6th of this month. Addressed as before. The young sailors David Bellem and Johan Emanuel Berlin, who arrived with the said ship, are now departing for Tutickwijn in order to proceed from there to Koetsiem. Their closed pay accounts accompany this. We kindly request that you forward the enclosed packet for the Ministers at Suratta, along with the small box mentioned therein, when opportunity arises. For the rest, after friendly greetings, we remain, signed as before, in the margin, Kolombo, the 22nd of September 1789. We have had the honor to receive Your Right Noble Honor's esteemed letter of the 8th of this month and thank Your Right Noble Honor for the promised fulfillment of our requisition for timber and for the proper dispatch of our letters for Souvatta and Goa. The eleven soldiers mentioned in the name lists sent to us have been granted a pay increase according to their request, as appears from the accompanying certificates, and we request that the bonus of eight rupees for entering into a new contract be given to each of them, as well as to the soldier Hendrik Klaas Stop. Since the fifer Carel Albert Duport is a native, he must content himself with his current pay, and we can also grant him no bonus. Addressed as before. We have had the honor to receive Your Right Noble Honor's esteemed letter of the 19th of September last, and shall cause the accounts received therewith to be dealt with according to orders. The Captain Lieutenant and Commander of the Artillery. Also annexed hereto go the requested certificates for the native soldiers taken into service, Dreijm from Adje and Isabel from Sumanap. Regarding the requisition of coffee beans, we shall supply with the ship that is to depart thither to collect pepper as much as we have on hand here, and the remainder as soon as shipping between here and Gale is open. The small box with molds and stamps for private letters, received from the motherland for Your Right Noble Honor, we have already dispatched via Tutickorijn, along with our letter of the 22nd of this month, the duplicate of which accompanies this, with an invoice of the end of August amounting to ƒ 448. 19. 8. For the rest, after friendly greetings, we remain, signed as before, in the margin, Kolombo, the 30th of December 1789. Addressed as before.

Dutch transcription

1 het overige na vriendelijke groete /:onderstond in getee kend: / als vooren /: in margine:/ kolombo Den 30. Augustus 1789 wij hebben de eer gehad te ontfangen uwer wel Edelens g'achten brief van den 3. aug=s I: L: overeenkomstig uwer wel Edelens voordragt, hebben wede zoldaaten Friederich Reijzel van delft en Johannes Berkmeijer van Amsteldam in gagie verbeeterd, den eersten tot ƒ 14 voor drie Jaaren, en den laatsten tot ƒ13 voor 5 Jaaren; doch de zoldaat Jakob Andre van kaltere, diend zich met zijne winnende gagie van ƒ Ws te vergenoegen en kunnen we hem ook geen douceur toeleggen wijl hij een inlander is Aan de Europeesche zoldaaten die in dit gouvernement reets de hoogste gagie winnen geeven we een douceur van acht ropijen, wanneer Ze op de zelfde bezolding een nieu drie Jaarig verband aangaan, gelijk we dat uwel Edelens hebben bedeeld, bij onsen brief van den 7. februari; doch zoo de zoldaaten Abraham Jan zen van Amsteldam en Andries Engelis Vrijen daal, dit nieu verband niet anders willen aangaan dan teegens een douceur van twintig ropijen, verso ken wij uwel Edelens als dan het aan hun tretelege wij bewilligen zeer gaerne in 't verzoek van de zolda ten Ernst schrijver van keten en Traugod Godfried Mentzel van Hertzberg, om te mogen overgaan tot 't koetsiems guarnisoen, en lanten Aan als Vooren mits dien hunne afgeslootene zoldij reekeningen deezen verzellen, waar bij ook gevoegd zijn de acten voor voorm: twee verbeeterde zoldaaten en de oude aktens van voorm: Ianzen en Engelis, en Andre Nog gaat hier nevens een zoldij notitie van den 5 deezen waar bij voldaan word aan het verzoek van de ses zoldaaten genoemd bij de aan ons toegezondene lijst om g'elucideerd te worden of te nog te kwaad te staan, volgens belofte bij onsen brief van den 5 augustus J:o L: geeven wij uwel Edelens bij deezen bericht, dat we de vertrekdaagen van de pakets bood na de caab der goede Hoop; voor den aanstaande hebben bepaald op medio maij en ultimo Augustus voorts bieden wij uwel Edelens hier neevens aan, 't du„ plicaat van onsen brief van den 30. ' augustus P=r L: een Bataviasche brief paket met 't schip de zaan stroom voor u wel Edelens aangebragt; en een brief voor de ministers te soeratta, waar voor we een verder transport vriendelijk verzoeken. wij blijven voor het overige na vriendelijke groete /:onderstond en geteekend:/ als vooren: /: in margine:/ kolombo Den 6. ' September 1789 wij hebben de eer uw wel Edelens hiernevens aante bieden een verzegeld kasje uit het vaderland ont„ vangen en een brief van de Heeren Ministers van de kaap de goede Hoop, beide met het schip Trinko„ nomaale aangebragt nevens het duplikaat onzen laatste van den 6 deezer an als vooren mits De De Jong mattroosen David Bellem en Johan Emanuel Berlin, die met gemeld schip zijn uit gekoomen, vertrekken tans na tutickwijn om van daar vervolgens op koetsiem te geraaken Hunne afgesloote soldij reekeningen verzellen deezen Het ingeslooten paket voor de Ministers te Surat„ ta nevens het daar bij vermeld kasje verzoeken we vriendelijk bij geleegentheid tewil len voortzenden wij blijven voor het overige na vriendelijke groete /:onderstond en geteekend:/ als vooren /:in margine:/ Kolombo Den 22. ' September 1789 wij hebben d'eere gehad te ontvangen uw wel Edelens geachte missive van den 8 deezer en bedanken Uw„ Wel Edelens voor de beloofde voldoening van onzen eijsch van houtwerken en voor de goede bezorging onzer brieven voor souvatta en gou. De elf soldaaten vermeld bij de ons toegezondene naam„ lijsten hebben we volgens hun verzoek in galie ver¬ beeterd blijkens neevensgaande aktens en we ver„ zoeken aan ider van hun, zowel als aan den sol„ daat Hendrik Klaas stop tewillen laaten verstrekken het douceur van agt ropijen voor het aangaan van een nieuw verband„ wijl den fluiter Carel Albert Duport een inlander is moet hij zig met zijne winnende Aan als vooren wij hebben de eere gehad te ontfangen uwer wel Edelens geachte missive van den 19. ' 7ber: P L:, en zullen met de daarnevens ontfange„ ne aanreekeningen naar de order doen hande¬ len. De Capitain luijtenant en Commandant van de vergenoegen en we kunnen hem ook geen dou ceur geeven. Ook gaan hier nevens de gevraagde aktens voor de in dienst aangenoomene oostersche zoldaaten Dreijm van adje en Isabel van Sumanap. Op Den Eijsch van koffi boonen zullen wemet het schip dat na derwaarts staat te ver„ trekken ter afhaal peeper zo veel we hier aan handen hebben voldoen en de rest zoo dra de vaarttusschen hier, en gale zal open zijn De voor uw wel Edelens uit het vaderland ont„ van gene kasje met mallen en stempels voor„ de partikuliere brieven hebben we reets over putukorijn afgezonden, nevens onzen brief van den 22. deezer waar van het duplikaate deezen verzeld, met een factuur van ult=o aug=s groot ƒ 448. 19. 8. wij blyven voor het overige na vriendelijke groete= /: onderstond en geteekend:/ als vooren /:in mar„ gine:/ kolombo Den 36 xber: 1789 Aan als vooren galue artillerie Tinden

← previousnext →