Inventory 10017
Ceylon · 750 pages · 243 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
To the same as before explicitly withdrawn from being sent, he could no longer by right oppose this transfer, and I have therefore judged it most prudent, in the hope of a favorable approval, not yet to inform his Honour of this, but rather to await the assignment thereof to him by his colonel himself, at which time the four transferred officers will be sent by a following opportunity. I have the honor to be with deep respect, beneath stood, Right Honorable, Valiant, Highly Esteemed Sir, Your Right Honorable, Valiant, Highly Esteemed humble and obedient servant, was signed, I. F. van Senden. In the margin: Trincomalee, the 26 May A:o 1789. We have had the honor duly to receive both Your Right Honorable, Valiant, Highly Esteemed secret letters of the 21st and 23rd of the past month, together with the enclosures thereof, and respectfully take the liberty to report that we could not read, without feeling the strongest indignation over the story of the Viscount de Saint-Riveul, distorted in its circumstances, of the known incident on the 23rd of April in general, and the accusations against the first undersigned in particular, in his letter addressed to Your Right Honorable, Valiant, Highly Esteemed. The sworn statements humbly offered herewith will, as we hope, appear sufficient to Your Right Honorable, Valiant, Highly Esteemed to prove that on the ship the Comte d'Artois no sails were shortened until after the discharge of the live shot from Oostenburg; and this slight shortening of sail would not have delayed the third shot across the stern, had not something been shouted through a speaking trumpet from the ship toward the shore, of which the last words "je vous prie" were understood and which were taken as a request to shoot no more, and as a token of submission that appeared satisfactory to the third undersigned; for if the ship, against all customs, did not wish to sail past the flag officer of its nationality, he had—unless the commander had special orders, taking into account the strength and the advantage of the wind on that day—to shorten sail in order to come to anchor at a proper place. We take the liberty to make some respectful remarks concerning this entire incident, which lead to the probable conclusion that the ship the Comte d'Artois was intended to make a test of whether entering unrequested would not be overlooked unnoticed, reminding Your Right Honorable, Valiant, Highly Esteemed respectfully how we have already firmly proved that the commander of that ship could not have been ignorant of what was agreed between the Count de Saint-Riveul and us. 1. On all occasions the Viscount de Saint-Riveul pleads the matter of asking or not asking permission for the entry of Company or merchant vessels, because of their small capacity in crew and means to first come and fetch permission from shore; and this being so, prudence and general usage also require approaching the anchorage under short sail, which did not occur here, since the sails were not shortened until after the discharge of the live shot. 2. Unless Monsieur Berger learned from the ball fired by the ship L'Astrée, which struck down at a very short distance near his ship, for what purpose that ball was intended, he could not suppose otherwise than that it was a warning from the head of his nation to anchor, which he did not do. 3. The shortening of sail by an entering ship cannot be taken as a fixed rule that it wishes first to ask permission for entry, as a hundred pretexts, and particularly that of a lack of crew, can be found to proceed very slowly in that matter and in the meantime slip past. 4. The Viscount de Saint-Riveul came to anchor with his and the other ships in the North Bay on the afternoon of 14 April, and only sent Lieutenant at Sea De La Maison Blanche ashore the following morning with the request to be allowed to enter the inner bay and to obtain a pilot on board, although his Honour does not mention the former; and on that occasion the first undersigned declared to that officer that he could not yet send the pilot because he was otherwise engaged in Company service on the Cotiar shore, but that he would be warned as soon as possible to come up and would receive orders to proceed on board immediately; which left it to the Viscount de Saint-Riveul to await that return, the more so as the weather was very fair. On the contrary, the officer had scarcely returned on board when the three ships weighed anchor with so much haste that the Méduse left hers behind and only took time to set a buoy on it, without making any attempt to recover it before this ship lay inside the bay. The pilot arrived on board in the meantime, and indeed so timely that the Viscount de Saint-Riveul could not fail, at the first meeting ashore, to express to the first undersigned his particular satisfaction with the great speed that good man had made. 5. Monsieur Le Sage never expressed anything else to the first undersigned than his satisfaction with the care shown for his ship, although the latter had declared to him that he had actually not sent a pilot because none was present, but rather the most capable commander among the pilots here, who had already piloted ships in and out. From the sent drawing of the Great Bay scarcely
Dutch transcription
Aan als vooren „tulaatsie uijtdrukkelijk onttrokken zijn te laaten verzenden zoude hij niet meer van recht zich teegens deeze verplaatsing kunnen aankanten en ik heb dierhalven voorsigtigst geoordeeld, op hoop eenen gunstige goedkeuring, zijn E: hier van noch geene kennis te geeven maar liever afte, „wagten de belasting daar van aan hem door zijn kolonel zelve te doen als wanneer de vier verplaatst wordende officieren bij een volgen„ de geleegendheid zullen gezonden worden Ik heb de Eer met diep ont zach te zijn /:onderstond/ WelEdele Gestrenge Groot Agtb: heer UwelEd Gestr: Groot Agtb: onderdanige en gehoorsaame Dienaar /:was geteekend:/ I: f: van Senden /:inmargiene:/ Trinkonomale den 26 Maij A:o 1789 Wij hebben de eere gehad wel te ontfangen uwelEd gestr: groot agtb: beijde geheime brieven van den 21 en 23 der voorleedene maand nevens dezelver bijlaagen en gebruijken eerbiedig de vrijheijd te melden, dat rij niet zonder de sterkste verondwaardiging te gevoe„ „len over het in de omstandigheeden verdraaijd ver„ „haal van den heer burg graaf de S=t Riveul van het bewust geval op den 23 april in het algemeen en de beschuldigingen teegens den eersten teekenaar in het bij zonder desselfs brief aan uwel Ed Gestr: Groot Agtb: gerigt hebben kunnen bezen. De hierneevens nedrig aangebooden wordende beedigde verklaaringen zullen zoo wij hoopen uwelEd: Gestr: Groot: Agtb: genoeg doende voorkoomen om te bewijzen dat op het schip de graaf d=t Artorf geen zijlen gemin„ „dert zijn, dan na het vallen van de scherpe schoot van oostenburg, en dit gering zeijl minderen zoude de derde schoot achter over niet vertraagd hebben zoo niet van het schip door een ropper naar de wel iets geschreeuwd was, waar van de laaste woorden je vous prie verstaen waren en die opgeno„ „men zijn als een verzzoek om niet meer te schieten en als hen blijk van onderwerping die den derden teekenaar voldoende voorkwam, want wilde het schip tegens alle gebruijken aan den vlagvoerder van zijn landaart niet voorbij zeijlen moest haald hij hij ten zij den Bevelhebber bij zondere bijvelen hadde kracht en het voordeel der wind op dien dag in agtb: nomende Zeijl minderen om op éen behoorlij„ „ke plaats: ten anker te komen. Wij nemen de vrijheijd over dit geheele geval eenige eerbiedig aanmerkingen te maaken die ten waarschijn„ „lijke gevolgtrekking hebben dat het schip de Gratoff d' Artois bestemd was om eens een proef te nemen of men het ongevraagd binnen lopen niet on„ „gemerkt zoude over het hoofd zien hormnneren„ „da lovens uwel Edele Gestr Groot Agtb: eerbiedig„ hoe wij reeds stellig bewezen hebben dat den bevel hebber van dat schip niet onwetend „kende zijn in het benaamde tusschen den heer Graaff de St Riveul en ons. 1 Bij alle geleegendheijden bepleijt den heer burg „ verlof Graaff de S=t Riveul heb al of niet vragen ter binnen konning van smaatschappijs of koopvaardij scheepen door hun weijnig vermogen in volk en middelen om eerst verlof van de wal te komen halen en dit zo gesteld zijn de brengd de voorzichtigheijd en het algemeen gebruik mede niet kleijn zeijl de anker plaats te naderen het geen hier geen plaats gevonden heeft wijl de zeijlen niet vermindert zijn dan na het vallen van het scherpe schot. van 2Ten zij den heer Berger van de Kogel door het schip l' astree geschooten en die bij zijn schip op een zeer geringen afstand neder geslagen is heeft vernomen waar toe die kogel geschikt was moest bij niet anders veronderstellen, dan dat het een waarschouwing van het hoofd zij„ „ner landaart was om te ankeren, het geen hij niet gedaan heeft. 3/ Kan het zeijl minderen van een binnend loo„ pend schip tot geen vasten regel genoomen worden dat 't eerste verlof wil vraagen tot de binnen looping wyl en hondert voorwen„ „dingen en voornaamelijk die van gebrek aan volk kunnen gevonden worden om daar in zier brengd lang Iaars langzaam te werk te gaen en intusschen voor bij te slijpen 4komt den burg Graaff de St Riveul met zijn en overige scheepen den 14 April 'sagtermid„ „dags in de Noorderbaaij ten anker en zend eerst s'anderen daags smorgens den Zui„ tenant ten zee de La Maison Blancheaan de wal met verzoek in de binnen baaij te moogen koomen en aan loots aan boor te krijgen schoon zijn E: het eerste niet aanhaald en bij die geleegendheyd verklaard den eersten geteekende aan dien officier de loots nog niet te kunnen zenden wijl die anders de koetjaarsche wal in 's maat „schappijs dienst bezig was dog dat hij zoo „spoedig mogelijk gevaarschoudt zoude worden op te koomen en last krijgen zig terstond aan boord te begeven, het geen den heer Burg Graaff „ de st Riveul meester liet die terug komst afte wagten temeer het zeer schoon weder daar in tegen deel was den officier naulijks aan boord weder terug gekeurd, of do drie scheepen ligten met zoo veel over haas„ „ting anker dat de Medusa het zijne liet zitten en zig maar even de tijd gaf er een boeij op te steeken, zonder eenige poging te dienom het te herkrijgen voor dat dit binnen schip in de baaij lag. De loots kwam in„ „tusschen aanboord en nog wel zoo tijdig dat den heer Burggraaff de St Riveul niet nalaa„ „ten konde, bij de eerste ontmoeting aan de wal den Eersten tekenaar zijn by zonder genoegen te betuijgen over den grote spoeddie dien goede„ man gemaakt haden. 5/. Heeft den heer le sage mimmer anders aan den eersten teekenaar betuigd dan zijn genoegen over de voor zijn schip betoonde zorg schoon dee„ „ze hem verklaard hadden weezendlijk en loots niet te hebben gezonden weijl die niet aanwee„ zig was wel de bekwaamste gezzaghebber der hier zijnde loots die reeds scheepen in een uijt ge„ lootst had. van de gezondene aftrekening van de groote baaij nauwlijks voor
English
for Oostenburg we shall make the best use and thank Your Right Honourable, Right Worshipful for sending it as well as for the copies of the letters to Pondicherry and Madras. We have the honour to present herewith to Your Right Honourable, Right Worshipful the original letters requested from us, written by the gentlemen Conway and St. Riveul on 28 April and 30 June 1788, and the letter written by Mr. de St. Riveul on 9 January 1788 to the first subscriber, being otherwise with, was signed as before, J. F. van Senden, D. C. van Drieberg, and J. G. Fornbauer, in the margin Trinconomale 2 June 1789. Below, Respectful P.S. At the moment that this was closed, the first subscriber receives the enclosed letter, which is forwarded in copy; we are eagerly looking out for the ship De Gouverneur Generaal, even more for the rice, of which almost nothing remains, than for the people, though they too will indeed be very needy if the Trinconomale situation must apply. To as before. The boat De Suffren is being kept ready so that, if anything occurs, it may immediately go to meet the ship to warn it and bring those orders which we cannot yet determine with certainty, though they will always accord with the best interest of our paymasters. Herewith we have the honour most humbly to offer to Your Right Honourable, Right Worshipful the declarations which we neglected to send with our respectful letter of yesterday's date, for which may the same be pleased to excuse us. Further respectfully reporting that the remainder of gunpowder on the last of the past month of May consisted of 83790 7/2 lb, we remain with all due high esteem and deep, and so forth, signed as before, in the margin Trinconomale 3 June A:o 1789. We have had the honour duly to receive Your Right Honourable, Right Worshipful highly esteemed letters of the 3rd, 4th, and 6th of this month. According to our humble letter of the 1st of this month, we already had direct news from Bookkeeper Scheuneman concerning what was happening on the Coast. We believe for our part that this bookkeeper informed Commander Raket in his letter to the same that he sends us the same reports, as it is otherwise not probable that Commander Raket would have shared nothing of it with us, just as this did not happen; but since we could also be mistaken in this, and it is nevertheless of the utmost importance to obtain such news without delay from wherever it may be brought, we most respectfully request Your Right Honourable, Right Worshipful to be pleased to write to Commander Raket that in the future he should inform us in a timely manner of whatever such news might come to his attention or hearing. We had already sent the boat De Suffren to Batticaloa with such a letter to the captain of the expected ship De Gouverneur Generaal De Klerk as is appended hereto under letter A; but since the receipt of Your Right Honourable, Right Worshipful latest of the 6th of this month, we have sent the pilot with a vessel to the corner of Koetjaar, giving him also the letter to be found under letter B, and thus we shall have what is needed for Trinconomale itself transferred by small vessel from the inner bay. We have proceeded to this in order in no case to expose the still-expected ship to danger and to have the same ready sooner to fulfill your highest intentions. The rice from the ship De Oranjezaal has already, and indeed today, been received entirely into the Company's warehouses, and the reports of its receipt will be submitted tomorrow. The first subscriber will be able to give the orders to Mr. Prezien concerning the stay of foreigners according to the intention of Your Right Honourable, Right Worshipful. The circumstances of the times, added to the lack of knowledge of the orders of the High Respected Lords Masters, having been reasons why that foreigner was tolerated here until now as an exceptional inhabitant, henceforth none will be admitted under any pretexts, of whatever name, while all the further orders concerning the expected arrival of foreign and especially French forces will be strictly followed, all the necessary papers for that purpose having already been prepared according to high orders; and regarding Your Right Honourable, Right Worshipful letter of 24 May, the resolution appended hereto under letter C was adopted and has already been carried out to the extent that three kattumarams with stakes and provided with small flags have been placed at the proper distance, so as to leave no pretext of ignorance, while Your Right Honourable, Right Worshipful may rest assured that we shall devote all our mental and physical powers to fully accomplish your highest intentions and to justify the trust placed in us. This afternoon a French barque named Montmorin, commanded by Mr. Manchas, in 40 days from Mauritius and in five days from off Galle, came to anchor here in the North Bay, but outside the marks. He does not seem to know much news, and the first subscriber also did not wish to appear too curious by questioning him. He reports that Mr. de Ternay would return to Europe again with the transport ships, which does not seem probable to us and
Dutch transcription
voor oostenburg zullen wy het beste gebruik maa „ken en bedenken uwel Ed: Gest: Groot Agtb: voor dies toezending zoo wel als voor de afschriften van de brieven na Pondiccherij en Madrass Wij hebben de here Uwel Ed: Gestr: Groot: Achtbaare hier nevens aantebieden de van ons gewrae „de oorspronkelijke brieven geschreeven door de heeren Conwaij en St Riverel den 28 Apri en 30 Junij 1788. en de brief door den heer de Aan als vooren S=t Riveul den 9 Jann: 1788 aan den Eerst ge„ „teekende geschreeven in overigens met dig en zag te zijn /:onderstond:/ als vooren /:was„ „geteekend:/ J: F: van Senden, D: C: van Drieberg en J: G: Fornbauer /:in margiene/:) Trinkonoma„ „le den 2 Juny 1789 /:Lager:/ Eerbiedig P: S: op 't oogenblik dat deeze geslooten wierd, ont„ „vangt den Eerst geteekende de inleggende brief die in afschrift overgaat wy zien rijk halsende na het schip de gouverneur generaal uit nog meerdee om de rijst waar van bij na niets meer is als om het volk schoon dat ook wel zeer nedrig zal zijn Aan als Vooren- ingeval het Trink onomaalse moet gelden. De boot de suffren word gereed gehouden ten om zo er iets voorvalt „ stond het schip te gemoed te gaen en te waar schouwen en die beveelen te brengen dien wij als kunnen nog niet zeeker bepaalen dog altoos met het sneeste belang onzer betaal„ „heeren zullen stroken. Hier nevens hebben wy de Eer uwelEd: gestr groot Agtb: nedrigst. aan te bieden, de verklaringen welken wijs zuymd hebben met onze eerbiedigge letteren van gisterigen datum afte zenden waar over hoogst denzelven ons gelieven te verschoo„ „nen. Wijders eerbiedigst meldende dat 't restand van Buskruijt onder den laasten van de gepasseerde maand Maij in 83790 7/2 lb heeft bestaan blijven wij met alle verschuldigde hoogagting en diep endz /:onderstond:/ n / geteekend / als vooren :/ in mar„ „na:/ Trinconomale den 3 Junij A:o 1789. ingeval Wij Wij hebben de Eere gehad wel te ontfangen Ulti glagte Gest: Groot Agtb: hoog Gelie letteren van den 3: 4: en 6: deezer Blijkens onzen nedrigen van den 1 deezer had „den wij bereeds onmiddelijke tijding van den Boekhouder Scheuneman omtrend t geen ter kust gaande was. Wij gelooven voor zik dat dien boekhouder den heer kommandeur Raket bij zynen brief aan den zelven gemeld heeft dat hij ons gelijke berichten zend wijl het anders niets waarscheijnlijk is dat den hee kommandeur Raket er ons niets van bedeeld zoude hebben gelijk zulx niet geschied is; dan daar wij ons hier in ook zoude kun„ „nen misgissen en het Echter van het uit „terste aan belang is zoortgelijke tijdingen zonder verwijl van waar ze ook aangebragt mogen worden te erlangen verzoeken wij uwel Ed: Gestr: Groot Agtb: zeer eerbiedig den heer kommandeur Raket te willen aanschrijven in den aanstaande ons tijdig willen berichten het geen zijn Wel Ed: van dierigelijke nieuws onder het oog of ter oore mocht komen. Wij hadden reeds de booth: de stifferen naar Bats„ „kaloa gezonden met zodanig schrijvens dun den Kapitain van 't verwagt wordend schip de Gouverneur generaal de klerk als dee„ zen onder letter A: bijgevoegd is doch zeedert den ontfangst uwerier Ed: Gest: Groot Agtb: Jongste van den 6 deezer hebben wij den loots met Een vaartuijg naar de hoek van koet„ „jaar gezonden hem mede gevende den brief bij letter B: te vinden en zullen dus het geen voor Trinkonomale zelve nodig is met kleijn vaartuijg uijt de binnen baay laten over„ „brenger. Wij zijn hier toe overgegaen om het als noch verwagt werdend schip in geene gevallen aangevaar bloot te stellen en het zelve te eerden gereed te hebben tot de vol¬ doening aanhoogst der zelver oogmer„ Willen ken. De De rijst uijt 't schip de oranje Zael is reedsen wel op heeden geheel en al in 'smaatschap„ „pyspakhuisen ontfangen zullende morgen de berigten van dies ontfangst ingediend wor „den Den Eersten teekenaar zal den den hoer Prezien de beveelen omtrend het verblijf van vreemdeling naar volgens uwer wel Ed: Gestr: Groot. Agtb: oogmerk te kunnen geeven. De omstandigheeden der tijden, gevoegd bij het ge„ „brek van kennis draging der bevelen van de hoog Ed: Agtb: heeren moesteren zijnde oorzae„ „ken geweest waarom dien vreemdeling hier tot als nog als Een bijzonder ingezieten, gedult en voortaen zal er onder geen voorwer „zelen, hoe ook genaamd, een toegelaten worden, terwey al het verder gelaste de omtrend en en verwagte komst voor vreemde en vooral franse machten stiptelijk zal agtervolgd worden zijnde reeds alle de daar toe nodige pa„ „pieren naar hoog beveel in gereedheijd gebrag en omtrend uwelE Ed: Gestr Groot Agtb: i achten genoomen brief van den 24 Maij gezonmen het besluijt dezen onder letter C: Bijgevoegd en reeds in zoo verre uijtgevoerd dat op den behoorlijken af„ „stand gelegd zijn drie katjenarauws met sta„ „ken en op voorzien van vlagertjes ten einde geene onweetond voorwend zels aan onwendhouding overtelaten tenweijl uwel Ed: Gestr: Groot Agtb: Zich kan verzekerd houden dat wij al onze ziels en lighaams vermogen besteeden zullen om hoogst der zelver oogmerken volkomentlijk te volbren„ „gen en het in ons gesteld vertrouwd te billijken Heeden agtermiddag is alhier in de noorder baay, doch buijten de merken ten anker gekoomen een fransch„ bark genaamt Montmorijn gewoerd bij den heer ManChas in 40 dagen van de Mauretius en in vijf daagen van voor Galet Hij scheijnd niet veel nieuws te weeten en den Eersten teekenaar heeft zig ook niet alte, „nieuws geerig door uijt vragen willen tonen sij ver„ „teld dat den heer de Tornous met de verlugtscheepen weeder na Europa zoude keeren, het geen ons niet Waarschijnlijk en
English
Probably prevents unless Mr. de Malamara, who brings the envoys of the nabob with the new frigate the Thetis and according to his thoughts should have arrived already at Pondicherry, were to become the replacement of Mr. de St Riveul, but then we still do not know why the fluteships would depart as well. He requests some water and firewood, which will be provided to him, while in the meantime the first signatory will make inquiries of him and then find an opportunity to learn further particulars for us. He also says he saw a ship lying ready in the bay of Galle, which makes us fear, as before, that the ship the Gouverneur Generaal de Klerk had not yet departed on the 12th, the more so because he saw nothing off Batticaloa. Just as this stood to be closed, we had the honor to receive Your Right Honorable, Highly Esteemed, and Venerable Lordships' further secret letters of the 9th of this month with their enclosures. The sworn declaration concerning the sailing in of the ship the Graaff d' Artois we hope will have been received already, having been enclosed in our private communication of the 3rd of this month. If—which we do not believe—a disembarkation of the expected troops should have to take place at Batticaloa, we shall communicate our measures to be taken in that regard to the Batticaloa officials, and take all possible care for their safety on the journey hither. We have the honor to be with profound respect, was undersigned and signed as before, in margin: Trinkonomale the 16 June 1789. After we had been looking forward with great longing for some days to the ship the Gouverneur Generaal de Klerk, and had seen several ships and two-masted vessels sail past without or with French flags, we were on the 18th of this month in the morning at sunrise gladdened for a few moments by the sight of a large ship with a Prince's flag at the stern, which at first glance promised us the expected vessel, the more so because by its maneuvers it seemed to wish to approach in the calm, but shortly afterwards, not properly tacking with the shifting of the wind toward the Kottiyar shore, it struck its flag, ran past Kottiyar corner, tacked again, and sailing following that same course, went out of our sight by evening. The failure of the boat the Suffren to appear and the failure to fly a Dutch pennant, much less the agreed signals, had already caused us to notice in time that it was not the expected vessel, while this entire conduct caused us many misgivings, which fortunately disappeared on the morning of the 19th with the appearance of the boat the Suffren, followed by the ship the Gouverneur Generaal de Klerk, which dropped anchor in the afternoon with a torn fore-topsail in the outer roadstead of the northern bay, without the pilot whom we had sent from shore in time having been able to get on board with our secret letter, of which we offered the copy with our previous letter of the 16th of this month under letter B. The pilot testified that with the high southwesterly winds that had only broken through the day before, he could not safely bring the ship into the inner bay, but had to wait for the new moon, and so we decided immediately to disembark the men with the dying winds toward the evening, during the night, and in the morning, which was successfully carried out on the 21st and 22nd, while the ship, having bent on another topsail, had come somewhat closer on the 21st. Since the ship is now here in the northern bay, we shall have it approach somewhat lighter, and have what is intended for this fortress discharged as quickly as possible, and subsequently send it to the inner bay for the unloading of the rest, while in the meantime we shall position it so that in manageable weather it can head for the inner harbor at any moment. We have received with the same Your Right Honorable, Highly Esteemed, and Venerable Lordships' duplicate secret letter of the 6th of this month, already respectfully answered, and only add hereto the extract from the logbook of the ship since its departure from Galle until its arrival here, and an account of the commander of the boat the Suffren containing what was observed by him of the foreign ships he encountered during his cruise for the Gouverneur Generaal de Klerk. The third signatory, having had the misfortune yesterday morning during the drilling of the troops to fall backward into one of the pits of the demolished fences in such a way that the broken paling of the fence went through his right arm and right leg, excuses himself from co-signing this. As before. Meanwhile, we can report with particular pleasure that by God's goodness, to all appearances, that almost fatal fall has been found to be free of danger to his life or the loss of the use, in time, of the injured limbs. This morning we had the honor to receive—we have the honor to offer herewith also the copy of the secret Galle letter of 17 July brought with the above-mentioned ship, as well as that of the private letter from that place of the 5th, as well as the instructions given there to the captain of that vessel, adding further hereto that of the private letter written by the Honorable Mr. Raket to the first signatory, received yesterday. We have the honor to be with profound respect, was undersigned and signed as before, in margin: Trinkonomale the 23 July 1789.
Dutch transcription
Waarschijnlijk voorkomt ten zij den heer de Mala „mara die met het nieuwe fregat de thetes de Zendenlingen van de nabab aanbrengd en volgens Zijn gedagten reedste Pondicherij moest aangekoomen zijn, den vervangen van den heer de st Riveul wierd mals dan weeten wij noch niet waarom de fluitscheepen meede vertrekke zoude. Hij verzoekt om eenig waeter en brandhoud worgen het geen hem, zal bezorgd worden terwijl hem intusschen den Eersten teekenaar zal tew eeten vragen en als dan wel geleegendheid vinden ons verder het een of ander te verneemen. Hij zegd ook in de baaij van gale een schip gereed te hebben zien leggen het geen ons doet wrez Aan als Vooren. dat het schip de Gouverneur Generaal de Kler den 12 noch niet vertrokken is te meer hij voor Battikaloa niets gezien heeft. zoo als die ze stend afgeslooten te worden hadden wij de eere te ontvangen uwelEd: Gestr: Groot Agtb: nadere gehume letteren van den 9 deezer met dies bijlaagen. De beëedigde verklaaring nopens de inzijling van 't schip de Graaff d' Artois hoopen wij dat reeds ontfangen zal wezen, zijnde in en ze bijzon„ „deren van den 3 dezer afgeslooten geworden zoo het geen wij niet gelooven en ontschoeping, van 't verwagt wordend volk te Batikaloa zouden moeten plaats hebben zullen wij on„ „ze daar omtrend te nemene maatreegulen de Battikalosche bediendens meede dielen en alle mogenlijke Zorgdragen voor de vijlige „heid van het zelve in den herwaards tocht. Wij hebben de eere met diep ontzach te zijn /:on„ „derstond:/ en :geteekend:/ als vooren :/ in mar„ „gine:/ Trinkonomale den 16 Junij 1789: Na dat my met groot verlangen zoedert eenige dagen het schip de Gouverneur generaal de kleak te gemoed zagen en verscheide scheepen en ture mast vaar„ „tuijgen zonder of met fransche vlaggen hadden zien voor bij Zeijlen, wierden wij op den 18 dezer s morgens met het opkoomen van de Zon voor eenige oogenblikken verheugd door het De zien zien van een grood schip met Een prinse vlag van achteren het geen ons in den eersten op„ „slag het verwagt wordend beloofde te meer het door zijn handelingen inde stelte scheende „heede te willen naderen doch kort daar na niet veroeffing van wiend naar de koetjaersche wel overleggende, streek het zijn vlag liep boo„ „ven de kootjaarsche boek lag het weeder om de woord en zeijlde dien zelfs den streek volgende ons met den avond uit het gezicht, het niet suffre opkoomen van de booth de stiffren en het niet laeten waaijen van een hollandsch wimpel veel min van de beraamde heus hadens reeds tij „dig doen bemerken dat het den verwacht wordende bodem niet was terwijl dit geheele gedrag ons veele bedenkingen veroorzaak„ „ten die gelukkeglijk den 19 's morgens verdweenen door het opdagen van de booth: de suffren gevolgd van het schip de Gouver„ „neur Generaal de Klerk het welk zagter„ middags met Een gescheurd voor marszeijt op de buyten reede vande noorden baarj ten an„ „ker Kwam zonder dat de loots die wij tijdig van de wal gezonden hadden aan boord had kunnen komen met onzen geheime brief waar van wij het afschrift bij onzen vorigen van den 16. deezer onder letter B: aangebooden hebben de loots betuijgde met de sdaags bevoorens eerst doorgekoomene horige Zuidwelste winden het schip niet zeker in de binnen baaij te kunnen bren„ „gen maar de nieuwe maan te moeten afnachten en dus beslooten wij ter stond het volk met de teegen den avond 's nachts en 's morgens verslaapende winden te doen ontscheepen, gelijk zulx met een goed gevolg den 21. en 22. geschied is terwijl het schip een ander malzeijl aangeslaagen hebbende den 21. wat nader gekomen was wijl het schip nu een maal hier en de noorder baaij is zullen wy het noch iets legten naderen, en ten spoedigsten het geen voor deze vesting geschikt is uijt laten lichten en het vervolgens naar de binnen baaij zenden ten ontlossing van het overige, terwijl wij het op intusschen intusschen zoo zullen plaatzen dat het bij handzaam weer alle ogenblikken de binnen haven kan bestevenen. Wij hebben niet het zelve ontvangen uwel Ed: Gestr: Groot Agtb: bereds in eerbied beandwoorde duplicaat geheime brief van den 6 deezer en voegen hier noch maar Eenelijk bij den uijttreksel van het dag verhaal van het schip Zeedert het vertrek van Gale tot de komst alhier in een verhaal van de gezaghebber van de booth de suffren behelzen „de het geen hom bemustig van de vreemde scheepen die hij geduurende Zijne Kruijsing op de gouver¬ „neur generaal de klerk ontmoet heeft. Den derden teekenaar gisteren morgen het ongela gehad hebbende bij het exerceeren der troepen zodanig agter over in een den putten van de af„ gebrooken thunnen te storten dat de afge„ „brooken klein van deszelfs dagen hem door den rechter arm en het rechter been gegaan is verschoond zich deeze mede te teekenen Aan als vooren terwijl mij intusschen met Een bijzonder Heeden morgen hadden wij de eer te ont„ genoegen kunnen melden dat door Gods goed„ „heid naar allen aanzien dien bij na godelyke val vrij van levens gevaar of het gemis van „ het gebruik, in der tijd, der gekwetste dee„ „len bevonden is. Wij hebben de eere hiernevens noch aan te bie„ „den het afschrift van de geheime gaalse brief van den 17 julij met het schip opge„ „meld gebragt als ook dat van den bij„ „zonderen van die plaats van den 5 zoo meede als aldaar gegeevene onderrichten aan den kapitain van dien bodem er tevens noch bij voegende dat van den bijzonderen brief door den WelEd: Agtb: heer Raket aan den Eersten teekenaar geschreeven Ekgesteren onvangen. Wij hebben de Eere met diep ontzach te zijn onderstond en /:geteekend:/ als vooren /:in„ „margine/ Trinkonomale den 23 julij 1789. genoegen „vangen
English
received Your Right Honourable Grand Worshipful secret letters of the 22nd of this month and will dutifully observe the orders given therein regarding being on our guard, while having no later news than from the 30th of the past month from a letter from the English gentleman Mitchell, written more closely to the first signatory, and mentioning not the least of any movements of the French, we also assume that there must be many French ships along the coast, because a multitude of two- and three-masted vessels have sailed past here for a considerable time, without or with French flags, from the south to the north, a part of which, however, we have considered to be cruisers that possibly wish to keep a watchful eye for the expected English warships under the command of Mr. Cornwallis. We thank Your Right Honourable Grand Worshipful for your highest recommendation to the Right Honourable Worshipful Mr. Raket to give us news as soon as possible of all that His Honour might be able to find out on the Coast and that could be related to this important possession, as a similar delay such as the one that recently took place, and in sending that which was distributed by the Honorable Scheuneman, could be very harmful. We take the liberty of respectfully proposing to Your Right Honourable Grand Worshipful to be allowed to send to Batavia, with the expected ship, certain four Malays, namely Kitzel of Batavia, soldier under the company of Captain Abdul Wahit, Abdul of Leoong, Ramat of Parigie, and Pakta Pattokallang, soldiers under the company of Captain Wieramangela, who have frequently been guilty of theft and otherwise, as harmful subjects who set bad examples, on the ship To the same as before. ship the Gouverneur Generaal De Klerk. We have the honour to be with profound respect Underneath stood as before. Was signed: J. F. van Senden, D. C. van Drieberg, and J. G. Tornbauer. In the margin: Trincomalee, the 30th of June 1789. To the same as before. Captain De Belle having requested us, as his private affairs had been put in order, to be allowed to depart for Jaffna towards the end of this month or in the beginning of the following month, in order to get from there via Tuticorin and Colombo to Galle, so as to pursue his journey to Europe on one of the homeward-bound ships, we have had to refuse this until further orders from Your Right Honourable Grand Worshipful, although His Honour himself alleges that, by high order, the secretariat at Colombo was given whatever might be written about this here, because we now lack such an order. We have had the honour to receive duly Your Right Honourable Grand Worshipful's secret letters of the 21st and 22nd of the past month and have approved in our meeting to let the Eastern company of Captain Mahomet of Tangerang, under the command of Lieutenant De Kahle, who was awaiting an opportunity to seek out his garrison, to inspect it and to keep the men in better order along the way, march off to Jaffnapatnam; and as that company was only 77 heads strong, we have taken the liberty of adding 22 heads from the company of Captain Abdul Wahit, and accordingly these men departed on the 23rd of this month. With the enclosed separate secret letter, we shall act dutifully according to the orders given by Your Right Honourable Grand Worshipful in that regard. Since we have not received it, we very humbly request to be informed about this as soon as possible, and have the honour to be with profound respect. Underneath stood and signed: as before. In the margin: Trincomalee, the 14th of July in the year 1789. To the same as before. We further take the liberty to report most humbly to Your Right Honourable Grand Worshipful that the remainder of gunpowder on the last day of June, of which we erroneously neglected to make mention to Your Worships, has consisted of 95,784 1/6 lb, and on the last day of July past 92,617 1/2 lb, while we further have the honour to be with profound respect. Underneath stood and signed: as before. In the margin: Trincomalee, the 5th of August 1789. We have had the honour to receive Your Right Honourable Grand Worshipful's secret letter of the 13th of this month, together with its enclosures relating to the agreement concluded between the Commonwealth and the Crown of England; as much as depends on our ability, we shall carry out the order contained therein. But as we respectfully believe that an all too important place of the Honourable Company has been entrusted to us for us not to be prepared in time, according to our abilities, to foresee everything that can serve its preservation and prosperity, and we now still have the time humbly to communicate our considerations and to request specific orders, we take the liberty respectfully to submit to Your Right Honourable Grand Worshipful and to present for approval or disapproval what we would have done, or would still do, without more specific orders than have been given to us up to now, if a squadron of warships of any power arriving here, its commander might have requested or should request permission to enter the inner bay of Oostenburg. We would have refused our consent to polite requests, and in the event of the use of force, defended to the utmost our right of granting or withholding permission to enter a closed port, and this mainly on the following grounds of, as we believe, accepted law and equity: Every
Dutch transcription
vangen uwelEd: Gestr Groot Agtb: gehein„ letteren van den 22. dezer en zullen het daar bij gelasten met betrekking tot het op, on„ ze hoede zijn plicht schuldig in agt neemen terwijl wij geen latere Rust tijdig hebbende dan van den 30 der voorleedene maand uijt een brief, van den Engelschen Heer Mitcheil te nader aan den Eersten teekenaar afschreeven en niets het minste meldende van eeniege scherpen beweegingen der franschen meede veronder„ „stellen dat ter kust veele fransche scheepen moeten wezen wijler hier een meenigte twee in drie mastige bodems zedert een ge„ „ruime tijd zonder of Het fransche vlaggen, van de Zuid naar de noord voor bij gezeijld zijn, waar van wij echter een gedeelte aangemerkt heb„ „ben als Kruijzers die moogelijk een wakels nog willen houden op de verwagt wordende oerlog Engelsche scheepen onder bevel van den heer Cornevallis. Wij bedanken uwel Edele Gestr: Groot Agtb voor hoogst deszelfs aan beveeling aan den wel Ed Agtb: heer Raket om ons ten spoedigsten tijding te geven van al het geen zijn wilhd aan de Kust mogte te weeten kunnen krijgen en dat be„ „trekkelijk kan gemaakt worden op deze gewigtiege bezitting wijl hen zoortelijke lang„ wijligheid als die jongstplaats gehad heeft, en in het toezenden van het bedeelde door den E: scheuneman zeer schadelijk zoude kunnen weezen. Wij neemen de vrijheijd uawel Ed: Gestr: Groot Agtb: eerbiedig voor te stellen, om zeekere vier maleijers in name kitzel van Batavia Zoldaat onder de komp:e van kapitein Abdul Wahit Abdul van Leoong, Ramat van Parigie en Pakta Pattokallang zoldaaten onder de komp van Kapi„ „tein Wieramangela die zich al dikwils aan aangedrag van diverij als anderzins schuldig¬ gemaakt hebben als schadelijke en kwade voorbeelden gevende voorwerpen na Bataviea te mogen verzenden met het geloft worden voor schip Aan als vooren. schip de gouverneur generaal de klerk Wij hebbende een met diep en 't zach te zijn /:onderstond/ als vooren /:was geteekend:/ J: f van Senden, D: C: van Drieberg en J: G: Tornbauer /: in margiene Trinkond„ „male den 30 Juny 1789. Aan als vooren. Hapitein de bellen ons verzogt hebbende ver„ „mits zijne bijzondere zaken in gereedhe waeren gebragt worden tegens het einde dezer of in het begin van de volgende maand naar Jaffena te mogen vertrekken om van daar over tuttkorijn en kolembo maar Gale te geraaken, ten einde met Een der te huis vaa„ „rende scheepen zijn rijsenaar Europa te ver„ vorderen hebben wy zulks tot nader bevel van uwelEd: Gestr: Groot Agtb: moeten ontzeggen al schoon zijn E: voorgeest zelve, op hoogo last ten secretarije op Kolembo gegeeven te hebben wat daar omtrend dit heen moeht aangeschreeven worden vermits wij nu diergelijke aanschrijving Wij hebben de eere gehad uwe Ed: Gestr groot Agtb: ge„ „heime letterin van den 21 en 22 der voorleedene maand wel te ontvangen en hebben in onze bij een komst goedgevonden, de oosterische Konyn van Kapitein Mahomet van Sangerang onder kommando van den luitenant DE: Kahle die naar een gelegendheid wachte om zijn bezetting op te„ „zoeken, die te bezongen en om het volk onderwe„ „gens beter in order te houden naar Jaffinapat„ „nam te laaten afmarcheeren en wijl die komp=e maar 77. koppen sterk was hebben wij de vrijheijd gebruikt daar nog 22 koppen van de Komp=e van Kaptoin Abdul waheit bij te voegen gelijk dan ook dit volk den 23 deezzer vertrekken is. Met de ingeslootene aparte secreete brief, zullen wy niet hebben ontvangen vertzoeken wij zeer nedrig hier omtrend, zoo spoeidig mogelijk onderricht te mo„ „gen worden en hebben de eer met diep ontzachte zijn /:onderstond:/ en geteekend:/ als vooren /:in mar„ „giene:/ Trinkonomale den 14. Julij Ao 1709 niet volgens Aan als vooren volgens uwel Ed: Gestr Groot Agtb: beveelen daar omtrend gegeeven plicht schuldig handelen Wijders gebruijken wij de vrijheid uwelEd Gestr Groo Agtb: nedrigst te melden dat het reistant van Buskruijt onder ult=o junij waar van wij ab„ „sivelijk verzuijmd hebben hoogst dezelven wel„ „ding te doen in 95784: 1/6 lb hoeft bestaan en oud ult=o Julij J:ol in 926: 17: 1/½. lb terwijl wij de eere hebben overigens, met diep en't zach te zijn /:onder „stond en /:geteekend:/ als vooren :/ in margiene:/ Trinkonomale den 5 aug:s 1789. Wij hebben do eere gehad wij te ontvangen uwe Ed Ge Groot Agtb: geheimen brief van den 13. dezer, no„ „vens dies bijlaagen betrekkelijk tot de geslootene overeenkomst tusschen het gemeene bist ende Kroots van Engeland zoo veel van ons vermoo„ „gen afhankelijk is zullen wij den daar en opgeslootene last achtervolgen; dan daar wij Eerbiedig vermeenen ons hen alte gewigtige plaats der Ed: Maatschappij aanvertroude te zijn dan dat wij niet, in tijds bedeokt zouden wezend naar ontze vermogens al het geen tot derzelver behoud en welvaart kan strekken voor uijt te zien en wij nu noch de tijd hebben, en ze bedenkingen nedrig meede te deelen en bepaalde bevelen te vragen nemen wij de vrijheid uwel Ed: Gestr Groot Agtb: eerbiedig onder het oog te brengen en ter goed of afkeuring voortedragen het geen wij zon„ „der bepaalder bevelen dan ons tot noch toe gegeeven zijn gedaan zoude hebben ofte noch zoude doen zoo eens smaldeel oorlog scheepen van Eenige mogens„ „heid hier komende dies bewel hebber verlof mocht gevraagd hebben of vraagen tot het inlopen der binnen baaij van oostenburg-. Wij zouden onze toestemming op beleefde afvraagen geweijgerd en bij geweld gebruik ons recht van al of niet verlof geving tot het inkoomen eener ge„ hebben „slootene haven tot het uiterste verdeding en dit wel hoofdzakelijk op de volgende gronden van zo wij vermenen aangenoome recht en billijkheid. zijn Elke
English
Every nation considering itself independent, viewed in its own right, possesses an exclusive right to judge the welfare of the lands under its administration and thus to determine what it deems beneficial or detrimental to those lands and their inhabitants. Consequently, the authorities of the whole or the various parts are obliged to watch most diligently over the welfare of those lands and to exert all their powers to preserve and secure what has been entrusted to them. They may therefore refuse or oppose whatever relates to the whole or part committed to their care. This right is so universally established with respect to foreign nations that the passage or entry of armed forces, whether by land or by water, into the territory of other peoples is never undertaken except after the respective sovereign powers have agreed upon it. If, therefore, a squadron of warships of any power whatsoever had arrived here or should arrive before we had received further orders from your Honorable Valiant and Highly Respected Authorities, and if its commander had requested entry into our important harbor, such permission would have been or would be refused, unless he were provided with clear orders from Their High Mightinesses the States General, our masters, the High Government of the Indies, or your Honorable Valiant and Highly Respected Authorities. The first reason for this refusal and prevention completely concerns the security of the place entrusted to us, where the flag of our nation flies with honor and where, as we hope and wish, it shall long be seen as a sign of recognition. The second concerns directly the welfare of the garrisons in particular and that of the inhabitants in general. All nations are obliged to render every assistance and accommodation to foreign nations that are not their enemies. Every individual person is free to sacrifice to others his own personal welfare, but no nation, or rather its leadership, has the right to lose sight of the public interest. Without doing so, it was nevertheless impossible, here in this place where everyone already reasonably complains about the high cost of provisions and the meager means of obtaining them, to receive a squadron or a number of foreign ships for a considerable time and to permit the purchase of numerous provisions. Nor is it to be supposed that the minister of naval affairs of a power living in friendship with us and harboring no evil designs would not have established beforehand in his orders that no nation is obliged, either in whole or in part, to sacrifice the welfare of its fellow citizens to that of his own countrymen. For all the above reasons, this would have brought us simply, or would still bring us, until we had received further orders, to the position that, whenever the commander of a squadron of war or armed ships had requested permission to enter the inner bay, it would have been politely refused him, while expressing our surprise at his request, which is not countenanced even in Europe unless the high or supreme powers have made a special agreement regarding it, stating that we, having no orders for such admissions from our superiors, could not permit it; that if he, the commander, wished to make any attempt to force his objective through by violence, we would endeavor to prevent it with those means entrusted to us for the defense of the rights of our independent nation, leaving all consequences arising therefrom solely and exclusively to his own responsibility; and that if he were in absolute need of some provisions or victuals, we would provide them to him according to a list to be submitted, at the customary market prices, provided that the quantity could have no noticeable influence, to be judged by us, upon what is necessary for the garrisons and the inhabitants of this place, since he could not reasonably demand that the residents be made to suffer want for his convenience. We would have expected, and we still expect, that our arguments, presented in a modest manner accompanied by the usual ceremonial courtesies that signify nothing substantive, would have had effect, or would still have effect. And if they did not, we considered and still consider ourselves entitled to regard everything done or yet to be executed against our representations as an open, hostile declaration of war, which imposed and still imposes upon us the duty to repel force with force to the uttermost. If, in the meantime, any warships or other vessels with their regular crew should wish to enter, such entry cannot well be refused them, provided their commanders submit to the following orders: 1. To have all boats coming from aboard put ashore at Oostenburg at the barrier and at Trincomalee at the guardpost of the inner bay. 2. To send no boats from aboard after seven o'clock in the evening and before half past six o'clock in the morning, except with specially requested permission, as one would be obliged to fire upon every boat that came under the artillery of the fortifications or guards before or after this time. 3. To accept no deserters, even if they belong to the nation to which the ship belongs, under the reciprocal obligation that none from the ships shall be accepted, but that they shall be searched for and sent back to the uttermost.
Dutch transcription
Elkke zich on d fhankelijk bereekend kennende land„ „aart op zich zelve beschouwd heeft en uyt sluijtend recht den welvaard van de landen onder haar bestee te beoordeelen en en dus te bepaalen wat zij nutlug of schadelijk voor de landen en der zelver ingezeten dotkt te wezzen vaar van het gevolg is, dat de getzagvoerderen van het geheel of de verschillende gedeeltens verplicht zijn op het zorgvuldigste van den welvaard dier landen te waken en alle hun„ „ene krachten in te spannen het hun aan ver„ „troude te behouden en te verzekeren zij kun„ „nen dierhalven weijgeren of ter staad het geen betrek„ „kelijk kangemaakt worden tot het hun toever„ „trouwde geheel of gedeelte Dit recht is ten op„ „zichte van vreemde landaarten zoo algemeen bevestigd dat nimmer doortocht op ingang van krijgs volkeren, het zy te lande het zy te water op het gebied van andere volkeren ondernemen word dan na dat de wedersijdse oppermachten daaromtrend overeengekomen zijn zoo dier hal„ van een smaldeel oorlog scheepen van welke mogentheid ook hier gekoomen was of koomen moeht voor dat wij uweEEd: Gestr: Groot Agtb: nadere beve„ hadden en dies „len ontfangen hebben bevelhebber het binnen lopen onzer gewichtige haven gevraagd had, zoude zulks geweijgerd zijn of worden ten zij den zelven voorzien was van duidelijke bevelen hunner hoog mogen „de de heeren algemeenen staten, onzer heeren mees„ „terien de hooge Jndische regeering of uwe Wel„ „Ed: Gestr: Groot Agtb: De Eerste reeden der weijgering en beletting raakt geheel en al de zekerheijd der plaatze ons toevertrouwd, waar de vlag onzer landaart met here waaijd en zo wij kopen en wenschen noch lange ten teken van verke„ „ning te zien zal zijn. De twede raakt rech festraep„ doen werlvaard der bezettingen in 't bijzonder en die der ingezetenen in 't algemeen. Alle landaarten zijn verplicht vreemde landaarten die hunne vijanden niets zijn alle hulp te bewijzen en te gemoed te komen - Jeder wensch in het bijzonder staat het vrij zijne op hem zelfs te berekene wel„ „vaart aan anderen op te offeren doch geen land„ mogendheid aart „aart dan wel liever haare voorgezette heeft het reek het algemeen belangd uit het oog te verliezzen, en zonder dit te doen was het Echter niet mogelijk hier ten plaatze waar zich reeds een ieder met billijkheid over de duurte den levensmiddelen en de geringe mogelijkheijd om dezelve machtig te worden beklaagd een smaldeel of aantal van vroemde scheepen voor Eene geruime tijd te ont¬ „fangen en den inkoop van menigvuldige ver„ „schillingen toete staan. Ook is het niet tewer„ onder stellen dat den staats dienaar den Zee Zake eener met ons in vriendschap levende en geen kwade inzichten hebbende ruogendheijd bij zij„ „ne bevelen niet voor uijt vastgesteld zoude hebben dat geen landaart verplicht is het zij in 't geheel, het zij in gedeeltens, den welvaerd harer mede burgeren aan dat zijner landgenoten op te offeren. Oyn alle bovenstaande reedenen zoude dit ons een voudig gebragt geweest of noch zijn tot dat wij nadere bevelen ontvangen had„ „den - dat wanneer den gezzachvoerder van een smaldeel oorlog of gewapende schee„ „pen verzogt had zich in de binnen baaij het te mogen begeven dat hem beleefdelijk zou„ „de geweigert zijn onder aankundiging en„ „zer verwondering over hen verzoek het geen men niet in Eunopes gebillijkt word dan na dat de hooge of oppermaekten daar om„ „triend bij zondere overeenkomste gemaakt had„ „den dat wij geen beweeten tot diergelijke toelaatingen van onze voorgezetten heb„ bende zulks niet mochten toestaan. — dat zoo hij gezachvoerder eenige onder„ „nemingen wilde doen om zijn op zet met geweld door te dringen wij zulks zouden „ te belletten, trachten met die middelen die ons tot verdediging dez rechten en zer en afhan„ kelyken landaard toevertrouwd waren en alle de daar uijt voortvloeijende gewolgen eenige en alleen tot zijnen verandwoordingen lieten blijven dat zo hij volstrekt om eenige van ven schingen verschingen of levensmiddelen verlegen was wij hem dezzelve naer volgens eene overte leg„ „gens lyft voor de gewoone marktsprijzen, zou„ „den bezzorgent, mits de hoeveelheid geen aan„ merkelijken en ons te beoordeelen staande in„ „vloed konde hebben op het noodige voor de be„ „zettingen en de ingezeetenen van deze plaats wijl hy met geen billykheid konde vergen dat men ten zijne believing de in woon„ „denen over gebrek deed klagen. Wij zouden ver„ wacht hebben en noch verwachten wy dat onze reedenen op eene bescheidene en van gewoone niets welzendlijks beduidende plik „pleegingen verzelde wijze gedaan en lang gehad zoude hebben of nog hebben en zo niet hadden zoude hebben of nog wij gedacht en denken als noch, al het teegens onze voor„ stellingen gedaene of noch uijttoeffenen te moo„ „gen aanmerken als een opentlijke vijandelijke oorlog verklaering die ons den last opleyde en noch oplegd geweld met geweld tot het uitersten te keeren. zoo intusschen eenige oorlog of andere scheepen met hun gewoon scheepsvolk mochten wil„ „len binnen koomen kan zulks hem niet wel geweigerd worden; mits dies bevelhebbers zich de hier aan volgende bevelen onder„ „werpen. 1 Alle van boord koomende schuiten te oos„ „tenburg aan het stuithek en te Trinkono„ „mals aan de wagt van van de binnen baaij te lai„ „ten aanleggen. 2 Na zeven uuren savonds en voor half zos uuren smor„ „gens geen schuiten van boord te zenden, buijten bij„ zonder gevraagd verlof wijl men verpligt zoude zijn op elke schuit, die voor of na deeze tijd on„ „der, het geschut der vestingen of wachten kwa„ te vuuren. 3/ Geen drossen taanteneemen schoon van den land, „aart zijnde waar toe het schip behoord, onder weder verpligting er geene der scheepen te zullen aanneemen maar wel dezelve te zullen laten opzoeken en terug zinden uitersten Wi
English
We hope that Your Right Honorable Sirs will be pleased to approve or improve our sincere and respectful reflections on what, in the proposed case, we would have deemed ourselves obliged to do, and which until further orders we cannot help but believe to be a duty on our part, which can have or give no other intention than that of truly being, in our view, the most honorable, the most advantageous, and thus the best for the pledge entrusted to us. If our unanimous views regarding the true interest of this place, like all human exercises of judgment, are partially or entirely subject to rejection, the feelings of our heart nevertheless remain always impressionable to wiser and better-considered efforts. Meanwhile, we hope to be permitted to say this: that nothing will be more pleasant to us than to make every effort possible to convince the same in all respects how much we have the honor to be with deep respect. Was signed as before. In the margin: Trinconomale, the 25th of August 1789. To the same as before. We had the honor to properly receive simultaneously, or on the 9th of this month, Your Right Honorable Sirs' highly respected secret letters of the 30th of the past and 2nd of the current month. The catamarans placed at four hundred roeden from the nearest shore in the northern bay have been withdrawn immediately; and however probable it may appear that the French have no further intention of attacking this place for the present, nothing shall nevertheless be neglected to employ everything to prevent it from happening with impunity. On the 9th of this month, a ship sailed past here so close under the shore that the first draftsman with his telescope could very clearly count fourteen gun ports in the tier without it hoisting its flag, although ours had blown out from the time of its coming into sight of this place. It appeared to the first draftsman to be an English frigate of 40 guns, its bowsprit lying much flatter than is ever customary on French ships. We herewith submit a report from the third draftsman addressed to Your Right Honorable Sirs regarding what must be proceeded with concerning the fortifications as suffering no delay, with which we fully agree and upon which we very humbly await Your Right Honorable Sirs' esteemed approval. The pieces of metal ordnance not yet broken up shall remain unsupplied until further orders, and meanwhile one continues to have the Japanese copper minted. Was signed as before. In the margin: Trinkonemale, the 11th of September 1789. To the same as before. We most respectfully take the liberty to inform Your Right Honorable Sirs that the remainder of gunpowder as of the end of the past month of August consisted of 82891½ lb. We have furthermore the honor to be with deep respect. Signed as before. In the margin: Trinkonomale, the 15th of September 1789. To the same as before. Shortly after the closing of our respectful secret letter of the 11th of this month, we received Your Right Honorable Sirs' esteemed secret letters of the 5th of the current month, and we shall take their content regarding the admission of foreign ships into the harbors entrusted to our care, in all its respects, for dutiful observation and precise execution. Was signed as before. In the margin: Trinkonemale, the 14th of December 1789. To the same as before. Colonel de Muuren having informed me that a certain young cadet in his regiment named Clerget Collard, foreseeing that as a born Frenchman he could make no fortune in the said regiment, had requested to depart for Batavia with the detachment under the command of the Count de Benneval as a volunteer in order to advance himself on some ground of hope. I take the liberty to request Your Right Honorable Sirs' approval or disapproval in this matter, although the ship shall not be detained in the least for such reasons. I have the honor to be with deep respect. Was signed: J: F: van Senden. In the margin: Trinkenemaele, the 24th of September Anno 1789. To the same as before. We had the honor to properly receive in succession Your Right Honorable Sirs' secret letters of the 11th and 16th of the past month. Pursuant to the orders contained therein, there shall still be sent from here with the ship 'T Slot ter Hooge, besides the European military personnel who arrived with it: Lieutenant Doen, who has meanwhile arrived from Jaffna, 2 sergeants, 3 corporals, 1 fifer, 1 drummer, and 91 European privates, as well as one of both companies of sepoys, of which we shall humbly offer the proper nominal rolls and pay accounts as soon as they go on board, since the changes that occur in the meantime cannot be foreseen, as some of the commanded sepoys have already run away and no longer appear on the muster rolls. However, it has been impossible for us to let the ship depart upon the receipt of the dispatches for Their High Excellencies, because it has not yet been completely unloaded due to the sudden onset of rain. We have also been unable to fulfill Your Right Honorable Sirs' order regarding the exchange of both teams of Chinese, for reasons given in our resolution of the 29th of September last, which is submitted with the general letter of today's date. Attached to the same is also the list of the
Dutch transcription
Wij hopen dat uwel Ed gestr: groot Agtb: onze zoo oprichte als herbiediege bedinkingen over het geen in het voorgestelde geval wij ons verpligt geoordeeld zoude hebben te moeten doen en tot nader bevelen niet kunnen nalaten te geloo„ ven een pligt van onse kant te zijn die geen, dan als Vooren andere bedoeling kan hebben of geeft dan die van waarlijk naar onze denkwijze het herlijkste het voordeeligste en dus het beste voor het ons toevertroude pand te wee„ „zen zal Gelieven te billijken of verbeateren. zyn onze een stemmige denkbeelden om„ „trend het waare belang dezer plaats, ge„ „lijk alle menschelijke zuls oeffeningen aan gedeeltelijk of geheel verwerpt onder„ geschikt de gevoelens van ons hart blij¬ „ven echter altoos in drukbaar voor wij zere en beeter overlegde pogingen. Dit hopen wij intusschen te moogen zeggen dat niets ons aangenaamer zal zijn dan Wij hebben de eene gehad te gelyker tijd of op den 9 dezer wet te ontfangen uwel Ed: gestr: Groot Agtb: hoog g'agte geheimd letteren van den 30 der voorleedene en 2. der lopende maand De gelegde katjemarauws op vierhonderd roe„ „den van de naaste wal in de noorder baaij„ zijn terstond uijtgetrekken en hoe zeer het ook waar schijnlijk voorkomt, dat de franschen geen oogmerken meer hebben om deeze plaats voor eerst aantevallen, zoo zal echter niets verzuijmd worden alles aantewenden om te beletten dat het niet en straffelijk geschieden. Den9 dezer zeijlde hier een schap zoo dige ender de wal voor bij dat den eersten teekenaar met zijn teliskoop zeer dui„ „delijk veertien schutpoorten in de laag alles aantewenden, wat mogelijk is om hoogst den zelven in alle betrekkingen te oovertuijgen hoe zeer wij de eere hebben met diep ontzach te zijn /:onderstond:/ en geteekend als vooren /:in margiene:/ Trin Conomale den 25 Aug=s 1789. alles konde Aan als vooren konde tellen zonder zijn vlag te heijsschen schoon den onsen van zijn komst in 't ge„ „zicht dezer plaats, afgewaaijd had. Het kwam den Eersten teekenaar voor Een Engelsch fregat van 40 stukken te zijn leggende zijn boegspriet veel vlakken dan immer of fransche scheepen gebruik ke¬ „lijk is —. Wij bieden hiernevens aan een bericht van den derden tekenaar aan UelEd Gestr Groot Agtb: gericht nopens het geen wa „meede aan de vesting werken moet voor Aan als Vooren. gevaaren worden als geen uitstel lijden, „de waarmeede wij volkoomelijk instem„ „men en waar over wij uwel Ed: Gestr: Groot Agtb: g'eerde goedkeuring zeer nedrig af„ wachten. De moch niet gebrookene stukken Mletai geschut zullen tot nader bevel onaan gevoerd blijven en uijtusschen vaart men voorts met het japansche Koper Aan als vooren te laaten vermunten /:onderstond:/ en /:geteekend/ als vooren /:in margiene Trinkonemale den 11 September 1789. Wij gebruijken eerbiedigst de vrijheid UwelEd Gestr: Groot Agtb: te melden dat het res„ „tant van buskruijd onder rlt:o van de J:o gepasseerde maand Aug:s in 82891:½ lb: heeft bestaan. Wij hebben overigens de Eer met diep ont„ zach te zijn /:onderstond:/ geteekend:/ als vooren /:in margiene:/ Trinkonomale den 15 7ber 1789 Den heer overste de muuren mij bericht hebbende dat ziker seugt kadet onder deszelfs regiment genaamt Clerget Collard vooruijt ziende kort na het sluiten onzer Eerbiedigen geheimen van den 11 dezer ontfingen wij uwelEde Gestr: Groot Agtb: geachte geheime letteren van den 5 der lopende maand en zullen dies in„ „houd met betrekking tot de toelating van vreemde scheepen in de onze Zorge aan„ bevoolene havens in al desselfs betrek„ „kingen, tot schuldig naragt en ter nauw„ „keurige achtervolging nemen /:onder„ „stond:/ en /:geteekend:/ als vooren : /: in mar„ „giene:/ Trinkonomale den 14 xber 1789— Aan als vooren als Aan als vooren als geboore fransman geen fortuijn en der op gem: regiment te kunnen maeken verzogt had met 't delachement onder het geval van den graaff de Benneval na Batavia te vertrekken als volon„ „tairs ten einde op eeniege grond / hoop zich voort te helpen. Ik neem de vrijheid hier over UwelEd: Gestr Groot Achtb: goed of afkeuring te verzoeken zullende ech„ „ter, om diergelijke reedenen het schip in t minst niet opgehouden worden. Ik heb de eer met diep ontzach te zijn /on„ „derstond:/ als vooren /:was geteekend:/ J: F van senden /:in margiene:/ Trinkenemae„ „le den 24 September Anno 1789 Wij hebben de here gehad achter eenvolgen „de wel te ontfangen UwelEd: Gestr: Groot Agtb: geheime brieven van den 11 en 16 der voorleedene maand. Ingevolge de daar bij vervat te bevelen zul„ „len met het schip 'T slot ter hooge buij„ ten de daarmeede overgekoomen Europeese militairen noch van hier verzonden worde werden den luijtenant Doen die intusschen van Jaffena gekoomen is, 2 zergeants3 Korporaals 1 fluijter 1 tamboer en 91 gemee„ „nen Europeesen als ook eender beijde komp: sipaijers waar van wij de behoorlijke naam„ „listen en zoldij reekeningen nedrig zullen aanbieden zoo spoedig zij aan boord gaan wijl de veranderingen niet te voorzien zijn die er intusschen voorkomen, gelijk er dan ook reeds eenige der gekommandeerde si„ „paers zijn weggeloopen en bij de monster rol„ len niet meer voortloopen doch het is ons onmogelijk geweest het schip op den ont„ fangst der depeches voor hun hoog Edel„ „heedens te laten vertrekken wijl het zel„ „ve tot als noch door de eensklaps doorge„ „komene regen niet volkomen heeft ont„ „lost worden. ook hebben wij UwelEd: Gestr: Groot Achtb: bevel omtrend de verwis ze„ „ling der beijde ploegen Chineesen niet kunnen voldoen om reeden daar van gegeeven bij ons besluit van den 29 Sept: J=o Leeden het geen bij de gemeene brief van hedigen datum aangebooden word Bij dezelve is ook gevoegd het Lystges den van
English
of the incapable eastern soldiers sent to Batavia with the ship Gouverneur Generaal de Klerk. The utmost frugality will be observed with the rice, although we meanwhile heartily wish that some grains may be brought from the coast to replenish the warehouses, as the community here suffers great shortage. Everything possible is being employed to promote agriculture, and recently the first and third draftsmen went to Koetjaar, where they saw with pleasure the work on repairing the dams, which however does not yet fully meet the purpose, which was also not well possible before the onset of the rainy season. Upon the arrival here of Spanish royal or merchant ships, we will conduct ourselves strictly according to the orders given to us in that regard. On the 25th of the past month of September, the English royal frigate The Phoenix of 36 guns, commanded by Captain Byron, arrived here, and since on the 1st of this month the ship of the line The Crown, commanded by Captain Cornwallis, while Commodore Cornwallis departed with a war sloop for Bengal, arrived in the northern bay requesting water and firewood, which is being provided to them; as far as can be gathered from private conversations, the intention is to await the two other vessels here in order to go to Bombay. I most respectfully take the liberty to inform your Right Honorable, Highly Esteemed, that under today's date, according to the statement of the commandant of the artillery, Mr. Schreuder, the remainder of the gunpowder consisted of 104936 1/4 lb., and furthermore most humbly to offer an account of the same since the first of September 1788 to the end of August last. We have the honor to be with deep respect, Right Honorable, Highly Esteemed Sir and Sirs, your Right Honorable, Highly Esteemed humble and obedient servant, was signed: I. F. van Senden. In the margin: Trincomalee, the 4th of October 1789. To the same as before. I furthermore have the honor to be with deep respect, Right Honorable, Highly Esteemed Sir and Sirs, your Right Honorable, Highly Esteemed very humble and obedient servant, was signed: D. C. van Drieberg. Trincomalee, the 20th of October 1789. I have the honor most humbly to report to your Right Honorable, Highly Esteemed that the remainder of gunpowder at the end of the last passed month of October was 104998 1/12 lb., and I furthermore take the liberty to sign this with deep respect, underwritten and signed as before. In the margin: Trincomalee, the 15th of December 1789. Agrees, D. Ibrands, clerk. Just as I had the high honor to receive your Right Honorable, Highly Esteemed, much respected though unsigned letter of the 19th of September last, so I take the respectful liberty to serve in humble reply thereto that, as far as possible and according to what circumstances allow, I shall attempt to discharge some servants in order to reduce the monthly provisions. Before I proceed to that, I take the humble liberty to demonstrate to your Right Honorable, Highly Esteemed that a cooper is most urgently needed here, because there is always something or other to be done here, especially with the arrival of the sloops and vessels when he constantly has something to repair on the casks, as he also necessarily must repair them; thus, without such a craftsman, if he is dismissed, one will be at a great loss, all the more because one cannot obtain such a man among the natives here, as a Malabar will also never step forward to learn such crafts. In Colombo and Galle one can always obtain such hirelings for pay, but not here, so a cooper is urgently needed here as aforesaid. The same is the case with the mason and carpenter: if there were good Company slaves here who understood those crafts, as such people used to be here in earlier times, one could then, to observe economy, discharge the aforementioned craftsmen, but now one cannot properly do so, because among the natives such people are not to be found here; and as there is still very much to be done on the fortress and the Company's buildings here, which necessarily needs to be rectified, there must accordingly be a master carpenter with two common carpenters, and a master mason with two common masons here, until all the most necessary requirements thereon shall be made and repaired; unless your Right Honorable, Highly Esteemed should be pleased to order that everything be left as it is. Right Honorable, Highly Esteemed, High-born Sir! To the Right Honorable, Highly Esteemed Sir, Mr. Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councilor of Dutch India, Governor and Director of the Island of Ceylon and its dependencies.
Dutch transcription
van de onbekwaame en met het schip de Gou„ verneur Generaal de Klerk naar Batavia ver„ „zondene oostersche militairen. Met de ryst zal de uyterste spaarzaamheijd in acht genoomen worden schoon wij in tusschen hantelijk wenschen dat van de kust eenige graanen tot aanvulling der pakhuizen mogen aangebragt worden wijl de gemeente hier groot gebrek lijd. Tot bevordering van den Landbouw word alles mo„ gelijk aangewend en onlangs zijn de Eerste en derde teekenaaren naar Koetjaar geweest alwaar zij met vergenoegen het werk tot herstelling der dammen gezien hebben dat echter noch niet volkoomen aan het oogmerk voldoet het geen ook voor de doorbraak van Aan als vooren de regende tiden niet wel mogelijk is geweest Bij aankomst alhier van spaansche Konings of koopvaardig scheepen zullen wij ont stiptelijk gedraagen na de ons daaromtrend gegeevene bebelen. Op den 25 der gepasseerde maand september is alhier het Engelsche konings fregat the Phoenix van 36 stukken geboden door den Kapitein Bijven en zedert op den 1 dezer heb Ik gebruijke zeer eerbiedig di vrijheijd uweEd: Gestr: Groot Achtb: Kennisse te geeven dat onder dato dezes volgens opgaaff van den kommandant der artillerij DE: schreuder het restant van het buskruijt bestaen heeft in 104936¼. lb. en voorts nedrigst aan„ tebieden een reekening van het zelve zedert primo september 1700 tot ul:t:o augustus J=o leeden. —.- linie schip the kroyn geboden door Kapiten kermvallis terwijl den Kommandeur Kormer „lis met Een oorlog sloep naar Bengalen vertrokken is in de noorder baaij aangekoo„ men om water en brandhoud verzoekende 'T welk hun bezorgd word zoo veel men uit bijzendere gesprekken kan opmaeken is het oogmerk hier de twee andere vaartuijgen aftewagten om naar Bembaij te gaan. Wy hebben de ure met diep ontzang te zang zijn /:onderstond:/ WelEdele Gestr: Groot Achtb: heer en heeren uwel Edele Gestr Groot Agtb. onderdaenige en gehoorzaeme Dienaar /was„ „ Dpieberg en Tombauer „geteekend:/ I: F: van Senden /:in margiene:/ Trin„ Kenamale den 4 october 1789. linie Ik e Aan als vooren Nagezig Andriesz: Kolombo Ik heb overigens de eer met drep ontzach te zijn /:onderstond:/ WelEdele Gestrenge Groot Achtbaare heer en heeren uwelEdele Gestrenge Groot Achtbaare Zeer onder„ „danige en gehoorsaame Dienaar /:was geteekend:/ D: C: van Driberg. Trin„ „konemale den 20 oktober 1789. Ik heb de eer uwelEd: Groot Achtb: nedrigst te melden, dat 't restant van Buskruit, onder den laasten van de Jongst geweekene Maand 8ber: groot is geweest 104998. 1/12. lb: en neem overegens de oveiheid deese met diep ontzagte onderschrijven /:onderstond:/ en /:geteekend:/ als vooren /:in margine:/ Trin konomale den 15. Xber: 1789 Akkouteert Dibrands lijklerk Gelijk de hooge eede heb gehad van uwer wel Ed: gestr: groot Agtb: veel gerespecteerde dog ongeteekende brief van den 19: 7ber: J:s L:n te recipeeren, soo neeme ik de eerbiedige vrijheid daar op nedrigst „tot antwoord te dienen dat zoo veel mogelijk Wel Edele, gestrenge, groot Agtb: Hoog geb: Heere! Aan Den Wel Edelen gestrengen groot agtb: Heer Den Heere Willem Iacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlands India, goeverneur en Directeur van het Eijland Ceilon dies onderhoorigheeden. G na na mate het toelaten kan tragten zal eenige Dinaeren aftedanken, om de maandelijksche ver„ strekkingen te verminderen. Eer ik daar toe overga, neme de ootmoedige vrijheid uwel Edele gesta: groot agtb: te demonstreeren, dat men een kuiper hier hoogst nodig heeft, wijl altijd het een of ander hier te verdigten valt, in son„ derheid met de aankomste van de sloepen en vaar„ tuigen wanneer hij steeds aan de vaatwerken wat te repareeren heeft, gelijk hij dezelve ook noodwen„ dig repareeren moet; dus men om zoo een ambags„ man indien hij afgidig zeer verleegen zal weesen te meer men onder de inlanders alhier zoo een man niet kan bekoomen alzo een malabaar ook daar toe, nooit treeden zal om dergelijke ambagter aanteleeden te kolombo en Gale kan men altijd voor betaeling sulke huurlingen verkrijgen, maar hier niet, dus heeft men een kuiper als voorzag Eeven zo is het geleegen met de hier hoognodig; metzelaar en timmerman: indien hier goede komp„ slaaven waaren dewelken die ambagten verstonden gelijk in vroegene tijden sulke luiden hier geweest waeren, zoude men als dan om de menage te betragten, voornoemde ambagstmannen konnen afdanken, maar nu kan men het met voegniet doen, wijl onder de inlanders zulke gasten hier niet te vinden zijn; en alzoo aan de fortresse en 'sComp„s gebouwen alhier nog zeer veel te doen valt, het welk noodzakelijk diend verholpen te baat las Timmerman met worden, mitsdien hier een tweegemeene timmerlieden en een baas metzelaar met tweegemeene noodzakelijk moeten zijn, tot al het hoogst noodige vereijstens daar aan zullen gemaakte en geapareerd weezen; ten waere dat uwel Ed: gestr: groot agtb: zal gelieven te ordonneeren om al het een en ander soo te kiea laaten
English
leave as they are; now to observe how all the same are situated, which through scandalous neglect of my respective predecessors, I take the liberty enclosed to present in all respect to Your Honorable, Valiant, Most Worshipful, a survey made by the Honorable Commandant Berger and Lieutenant of Artillery Diederik alongside the master craftsmen mentioned therein, of the condition of the buildings, from which Your Honorable, Valiant, Most Worshipful will observe that there is still much to repair and rebuild that is highly necessary and must be done speedily, as otherwise it is to be feared that in time everything will go completely to ruin, which I do not believe would be Your Honorable, Valiant, Most Worshipful's intention: But whereas I have already had several necessary repairs made here, I can nevertheless assure Your Honorable, Valiant, Most Worshipful on my word of honor that I have had all the same done in the most frugal manner, in which several expenses to my great sorrow were incurred, and I paid the same out of my own purse to not let the account appear large, besides which I can further assure Your Honorable, Valiant, Most Worshipful that all which I have had performed here, the Gentlemen Van der Spar and De Lannoy had not had done in 18 years. Nevertheless, it may perhaps appear from the books that in their Honors' time far more was brought up than in those 2 ½ years that I have had the repairs made and put in order: But an old blacksmith and ditto bricklayer among the natives who, because of their old age and infirmities can do nothing for the Honorable Company, may be discharged from the service, as I previously discussed with Your Honorable, Valiant, Most Worshipful several times, whose names are transmitted in this enclosure, since one can always get a smith among the Malabars, and thus that smith is not necessary here, but in order not to let those two men fall into beggary, one can refer them to the deacons' poor relief to receive some support. Of the ten assistants, if a reduction is to take place, 4 of them may be reduced; meanwhile 6 of them must remain here to look after the ammunition goods, of which there are still a fair amount here. These artillerymen are also used upon the arrival of the sloops to sail as commanders on the thonies, and in the inspections of the Aripo pearl banks they are likewise used. May Your Honorable, Valiant, Most Worshipful also please consider that Manaar being a very sickly place, one can never employ all those people at once for any service, as most of the time a few lie sick, whether of the fever or otherwise. Of the 4 that shall be discharged, one can send them to Trincomalee, as they are good, robust young fellows. Of the six sailors, two can be discharged if necessary, but four must necessarily remain here, as even the cruising and other thonies from time to time must sail to Jaffna, Kalpitiya as well as Colombo, and they are also employed as moekedens over the coolies, and at the time of the inspection and fishery they are likewise highly necessary here. Although the two cruising boats are currently here to guard the pearl banks, one still cannot abolish all our ordinary cruising thonies, as those cruising boats, being keeled vessels, cannot come so close under the shore at Adamsbrug and in the river of Tambe as the aforementioned thonies can, and in contrary winds the boats cannot get away at all, as they cannot row; consequently, they must of necessity be maintained, the more so to transport our letters and passengers, as never so many letters etc. could have been brought from the opposite shore as currently, whereas formerly six cruising thonies existed here; however, as the two boats now cruise on the pearl banks, I have reduced one out of three cruising thonies. The thony at the Chank diving cannot possibly be abolished, as it has been so from of old, not only to keep a watchful eye upon the same, but also to take along the goods of the Chank diving when they go diving under the islands on the south side; and the renter, if one were to take it away from the said diving, would also make a great fuss and have cause for complaint; wherefore I pray Your Honorable, Valiant, Most Worshipful to let that thony continue as it has always been. One has here only one elephant that is a hunting animal, the animals that were here having recently been sent to Jaffna, and whereas currently is the time here that elephants are caught and delivered by the hunters of Musali, one must keep the Nalluas here to cut olas for the same and deliver them to the stable, as there are no other castes here that can perform that work. Two years ago I attempted to discharge the Jaffna Nalluas and have their work done by the Chandoes; but they, regarding the cutting of olas for the elephants as a menial service, were not only unwilling to perform it, but also sought to make an uprising, whereupon I was forced to give notice thereof to the respected Jaffna administration and again request the Nalluas. The Chandoes do indeed carry the olas, but they do not cut them down from the trees, which is properly a work of the Nalluas, besides which they are obliged to cut grass.
Dutch transcription
laaten als ze zijn; nu ter ontwaering hoe alle de„ zelven geschapen leggen dewelke door schandelijke nesfentive verwaanloosinge laaten mijner desceptive antefesseurs neme ik de vrijheid hier ingesloten uwel Ed: gestr: groot agtb: in alle eerbied aantebieden, eene opname door den E=de Commandant Brerger en Luitenant der astillerie Diededik neffens de daar bij gemelde baasen gedaan, van de gesteldheid der gebouwen waar uit uwel Ed: gestr: groot agtb: zal be„ schouwen, dat er nog veels aan te repareeren en vermaeken zijn die hoognodig en schielijk moeten gedaan worden, wijl anderzints te bedugten is, dat alles met der tijd ten eenemale ten gronde zal gaa„ het welk ik niet geloove dat uwel Ed: gesta: groot agtb: intentie soo zal weesen: Dan aangezien ik verscheijde noodzaakelijke repatatien albereeds hier hebbe laaten aanmaken, kan ik uwel Ed: gestr: groot agtb: dog op mijn woord van eere verzeekeren dat al het zelve op de allermenagieuste wijse hebbe laatene doen wraad bij verscheide kosten tot mijner grote schuude gedaan zijn en ik dezelve uit mijne beuas betaald heb gehad, om de reekening niet groot te laaten schei„ nen, waar neffens ik nog uwelEd: gestr: groot agtb: kan verzeekeren, al wat ik alhier hebbe laaten verligten, dat de Heeden van der spar en de Lannoij, in geene 18. Jaaren hadde laaten doen Evenwel bij de boeken misschien blijken zullen, dat in hun E„ tijd vrij ruimschoots opgebragt zijn als in die 2. ½. Jaaren dat ik de reparatien hebbe laaten maaken en in ordre brengen: Maar een oude vermith en een do metzelaar bij de inlanders die weegens hun ou„ deadom en onbequaemheeden aan DE: komp:e niets doen kunnen dezelve uiit den dienst gesteld worden, zoo als ik voormaals uwe welEd: gestr: groot agtb: verscheide keeren daar van hebbe on„ derhouden gehad, wier namen indeezen gesloote over„ gaen, alzoo men een smith onder de malaebaeden al altijd altijd kan krijgen, en dus is die smith alhier niet nodig, maer om die bijde menschen niet gaaan tot den bedel sak te doen geraaken, kan men hen tot de diakonije armen verweisen om eenig onderhoted te genieten. Van de tien handlangers kan men indien een di„ munietie zal plaats vinden, 4. daar van verminderen ondertusschen dienen sel van hun hier te blijven om op de amonitie goederen, waar van hier nog redelijk veel zijn te passen, deze aatilleristen worden ook gebruikt bij de komsten der sloepen om op de thonies als gezagvoerders te vaeren, en in de visitaties der ariposche paaalbanken werd zo ook gebruikt, uwel Ed:e gestr: groot agtb: ge„ lieve ook te Consideeren dat mannaal als eene zeer ziekelijke plaats zijnde, men nooijd al dat volk tegelijk tot eenigen dienst kan gebruiken, alzo dan meesten tijd een parde ziek leggen, het zij aan de hoord als anderzints„ van de viak die afgedankt zullen wond kan men na Trinkonomale verzenden, wijl ze goede rebutte abbuefte Jonge kerels zijn, van de ses mattroosen konnen twee des noodsz „ afgegaan maar vier dienen noodzaakelijk „te of hier te blijven, also „ zelfs de kruis en andere thonies af en toe zoo naar Jeffena, kalpettij als kolombo moeten vaaren en ze ook als moekedens bij de koelijs g'emploijeerd worden, en ten tijde van de visentatie en visserije zijn zo meede hier hoog nodig. of schoon de twee kruisbooten tans hier zijn om op de paaal„ bankens te passen, soo kan men tog alle onse ordinaire kruistonies niet afschaffen, alzo die kruesbooten keelvaartuigen zijnde, so digt onder de wal bij Adamsbuug en in de rivier van Tambe niet kunnen koomen, gelijk de voornoemde thonies een bij Contrairi winden konnen de boots in 't geheel niet wegkoomen, wijl ze niet roeijen konnen mitsdien, dienen Ze hoognodig aangehouden te worden, temeer om onse brieven en passagiers overtebrengen, alzo nooijt zoo veele brieven EtC=a alhier kan van 1/12 van de overwal aangebragt zijn als tans, daar-be„ voorens ses kruistonies alhier in weezen zijn ge= weest, dog wijl tans de twebooten op de baaal„ banken kruisen, heb ik van drie kruestonies een verminderd. De thonij bij de T' Jankoos deukerij is niet mogelijk afgeschaft te worden, alzo ze van ords af„ so is geweest om niet alleen op dezelve een waakend dog te houden, maar ook der sJankoos deukerbj goederen mede te neemen, als ze onder 1111 de eilanden om de Zuidkant gaan duiken en den pagter zoude ook indien men die van ged„e duuijkerij afram een groot op hef maaken en reeden van klaagen hebben, al„ waaromme ik uwel Ed: gestr: groot agtb: bidde, die thonij zodanig te laaten con„ tinueeren als ze altijd geweest was. Men heeft hier maar een Eliphant die een Jaag„ beest is, hebbende men de beesten, die alhier geweest De chiandossen dragen wel de olassen, maar te kassen de„ zelve niet van de boomen af, 't gunt eigentlijk een werk is der naluassen, waar neffens ee verpligt zijn zijn onlangs naar Jaffona verzonden, en dewijl thans alhier den tijd is, dat Eliphanten door de Jaagers van Moeselij werden gevangen, en geleverd, diend men de nalluassen hier aantehouden om voor dezelve olassen te kappen en aan de stal te leeveren, alzoo hier gene andere kasteels zijn, die dat werk kun„ nen verligten; voor twee Jaaren geleeden hebbe ik getragt gehad, de Jaffenasche naluassen aftedanken en derzelver werk door de Chiandossen te laeten doen, dog die het kappen der olassen voor de elip„ hanten, als eene laage dienst aanziende, niet alleenig onwillig wierden te verrigten, maar ook zogten om opstand te maaken, waar op ik genoodzaakt was aan de g'eerde Jaffenasche regeering daar van ken„ nisse tegeeven en weeder om de nalluassen te ver¬ zoeken: zijn gras
English
to sickle grass for those beasts, and in addition they remain obliged to cut and carry palm leaves for all the mandapas being constructed, upon the arrival of the Court dignitaries and Nayakkars of Kandia. If they were thus not constantly to remain here, one would, for the aforesaid purpose, be very much at a loss for them, and having continually to requisition them from Jaffena the work might be delayed, so they ought to be retained here. There are not six clerks here, but five including the authorized one; of these, it is truly not possible for Your Noble, Severe, and Highly Respected Honours to reduce the number, as one cannot properly get all the work finished with them. For Your Noble, Severe, and Highly Respected Honours will please consider that at Kalpettij there is almost nothing to do, if one compares it to the work that is done here; since Kalpettij corresponds only with the main Head Factory, and there being no ordinary passage, nothing is issued but what is true, and thus no large accounts are to be kept nor written. But here I must negotiate with Kolombo, Jaffena, Trinconomale, Tutucorijn, and all the other Factories, so it stands to reason that there is much to do here. Not a day passes without letters arriving that must be answered, alongside which various papers are also sent in copies, in addition to which hundreds of subsidiary and extra provisions must furthermore be supplied, and thus many accounts kept, which can be better seen in the trade books. Our ordinary provisions are not so large, but the manifold extra provisions that occur here are large, which one has had here for several years in succession. Thus the clerks truly have much to do with all incoming and outgoing letters, as well as notes, etc., etc. Moreover, the clerks are constantly employed to inspect the incoming and outgoing vessels, which one cannot conveniently let drunk soldiers and others do, unless one were to be indifferent and pay no heed as to whether goods are smuggled or not. And as the vessels are not always inspected at the quay here, but at Kovedirr and Horentjes Hoek, which takes an entire day before they return home; they also frequently have to go into the country on various commissions. And when the Kandian court dignitaries and Nayakkars arrive here, exactly two clerks must go to them as commissioners in state to bring them to our limits, and upon their departure return with them again. Thus the clerks are employed for all such services, and then some also fall ill in this unhealthy place, and the few healthy ones have enough to do to perform all the Company's work that arises, so that I was often compelled to take on a couple of private clerks and maintain them, in order to balance all the work. The assistant master craftsman, although he finds himself sickly, is nevertheless the most diligent of all; he oversees the administration of the warehouses very faithfully and to my satisfaction, as I, as Chief, cannot possibly manage, through various intervals, to go to the warehouses each time to attend all the issues which, as aforesaid, take place here in great numbers, and so there must be someone to oversee them. The Bookkeeper De Bondt performs the trade duties, along with drawing up all warrants, consumption and cash accounts, and more besides, so that he also has enough to do, alongside which he must also attend to the commissions that arise. At the secretariat there are two clerks: the Bookkeeper Honter, who, although he is old, performs his service with much diligence, but on account of his advanced years the work is somewhat heavy for him, yet he performs it well, also attending to all commissions besides; and the apprentice clerk Van Duijn, in proportion to his meager salary, still does much, for which reason I once again pray Your Noble, Severe, and Highly Respected Honours that it may graciously please you to faithfully
Dutch transcription
gras voor die beesten te sitkelen, daar en boven ze nog gehouden blijven, olassen voor alle aangemaakt werdende mandoes, bij overkomste van de Hoffgrooten en naijkers van kandia te kasten en dragen, indienze dus hier niet steeds en bleeven, zoude men ten fine voorm: om hem zeer verleegen weezen, en hen geduurig van Jaffena te Eischen zal het werk konnen getrai„ neerd werden dus dienen ste hier aangehouden te worden. schribenten zijn hier geen ses, maar met de g'authoriseerde vijf hier van is waarlijk uwelEd: gestr: groot agtb: Heede niet mogelijk verminderd te werden, alzo men met hen al het werk niet wel kan afgemaakt krijgen: want uwel Ed: gestr: groot agtb: gelieve te Considereeren, dat te kalpettij bij kans niet tedoen valt, als men teegens het werk dat hier gedaen werd wil vergelijken; alzoo kalpettij maar alleen correspondeerd met hoofd 't Comptoir en daar geene passagie „wot ordinair zijnde word ook niets verstrekt als waar is, en dus geen groote reekeningen te houden nog te schrijven valt maar ik moet hier met kolombo, Jassena, Trin„ konomale, Julukorijn en alle andere Camptoiren onderhandelen, dus spreekt van zelve, dat hier veel te doen erfoowen valt, en het passeerd geen dag niet voor bij, of ekomen brieven die b'antwoord moeten worden waar neffens ver„ scheide papieren in kopias meede worden gesonden, waar van en boven noghonderdle bij en Extra verstrekkingen daar neffens moeten verstrekt en dus veele reekeningen ge„ houden, die bij de negootsie boekken beeter kunnen gezien worden. onse ordinaire verstrekkingen zijn zoo groot niet maar de veel vuldige Extra verstrekkingen die alhier voorallen zijn groot dewelke men het zeederd eenige Jaaren agter een heeft gehad, dus hebben de borsten met alle aankoomende en afgaande brieven mitsg„s aandeekeningen Etc„a Etc„o waarlijks veel te doen en daar en boven worden de borsten steeds gebruikt de aakomende en afgaande vaartuigen te visiteeren, die men het niet gevoeglijk door donken soldaaten en andere kan laten doen, of men zig onverschillig stellen en maar agt gen agt geeven moet, dat er gesluikt werd dan niet, en alzoo de vaartuigen niet altijd aan de kaaij alhier gevisiteerd worden maar wel te kovedirr en horentjes hoek, waar meede een geheelen dagen heen loopt, eer ze thuis koomen, ook moetenze verscheide keeren in het land gaan met diversche Commissies en als de kandiasche hofsgrooten en naijkers hedwaerds aankoomen, moeten preces twee schribenten als gecomm: met staetsie tot henlieden gaan om aan onze lemietens te brengen en bij deezelvee vertrek met hen weeder terug tegaen, dus werden de schribenten tot alle dergelijk diensten gebruikt en dan worden eenige ook in deeze ongezonde plaats ziek en de wijnige gezonde hebben genoeg te doen, om al het voorvallende „ik komp„s werken te verdigten, invoegen dat „ veel tijds genoodzaakt was een paar particuliere borsten aan„ teneemen en die te onderhouden, om al het werk effen te stellen den assistend werkmeester of schoon hij „zeg ziekelijk bevind egter is hij de ijverigste van alle haj neemt de administratie van de pakhuisen zeer getrouw en tot mijn genoegen waer, wijl ik als op„ perhoofd onmoogelijk faleeden kan, door verscheide in„ tervallen telkens na de pakhuisen te gaan, om alle verstrekkingen die, als vaon zegd en meenigte hier ge¬ schieden bij te woonen en dus een zijn moet, om die waarteneemen Den Boekhouder De Bondt verrigt de negotie werken, met 't opmaaken van alle ordonnantien, Consumptie Cassa reekeningen en wesmeer soo dat hij ook genoeg te doen heeft waar bij hij de voorvallende Commissies meede moeten waarneemen op de secretarij zijn er twee borsten de boekhouder honter, die of schoon oud is, neemt zijn dienst met veel ijver waar, maak weegens zijn hooge Jaaren valt hem 't werk wat swaaa, egter verdegt hij het wel, neemende daar teffens nog alle Com„ missies waer, en den aanquekeling bij de pen van Duijn, doed na rato van zijne geringe besolding nog veel, waarom ik uwel Ed: gestr: groot agtb: nog„ maals bidde dat hoogst denzelve gunstigt behaagen getrouw mag
English
may, on account of his long and faithful services, be pleased to promote the assistant master artisan to bookkeeper and the mentioned Duij to assistant, by which excellent proof of favor Your Right Honourable Sir will further spur me on to look after the master's advantage with all faithfulness and zeal, for which aforementioned reasons Your Right Honourable Sir will be able to perceive that it is not possible to reduce the four clerks here: as in the garrison and also among the soldiers there is no one who can read and write well, so as to employ such a one in the work if necessary. As regards the company of sepoys, I must report with all sincerity and respect that I am sorry that it has pleased Your Right Honourable Sir to post them from here to Jaffna and the Wanni, as they are truly most necessary here, not for any advantage, glory, or pomp, but for the guarding of the beaches in the country, where, since I had the former occupied, no contraband can be brought in or transported. Thus no one now has the opportunity to smuggle and sneak goods as before, for a vessel that has been inspected here and granted a pass departs indeed from the pier, but goes to lie off Pesale, San Pedro, Talaimannar, and Nadyekoeda, and under pretexts of taking in water and firewood, carries on all prohibited trade there by taking in various goods from the inhabitants and thus smuggling greatly. But while the sepoys are now detached everywhere, this is presently prevented by it, and thus without having the beaches occupied, one cannot possibly counter the smuggling. Therefore, I would gladly wish to keep those people here not only for that purpose, but also to keep the stubborn and impertinent natives somewhat in check, for they are more or less afraid of the sepoy guards. I take the liberty of presenting herewith to Your Right Honourable Sir a distribution list showing how I have posted the sepoys here, for the aforementioned given reasons, so that the beaches will indeed be well guarded, just as Your Right Honourable Sir has also desired. Then the same should remain as they are presently occupied. In order to give Your Right Honourable Sir satisfaction, I wish that the sepoys may continue to remain here, but if it cannot be done, I must resign myself to it. Yet I have the honour most respectfully to report to Your Right Honourable Sir that Mr. Nagel has requested from me only one ensign, 2 sergeants, 3 corporals, 1 drummer, and 35 privates to remain detached in the Wanni, whom I also dispatched to his Honour at once. I request that Your Right Honourable Sir, for the reasons given, leave the remaining half here, so as soon as Mr. Nagel might be in want of more men, I can and will immediately send up to half the company to his Honour; and if I should also be in want of men, I could always request them back from him again, and in that manner one could accommodate each other. The arrangement that the Lord Governor Falck made at that time regarding the militia here was suited to the circumstances and times thereafter, but things having changed since, one cannot proceed so strictly upon it. If one remains indifferent in all parts and considers everything a trifle and stays unconcerned, then one can very well act accordingly, and even manage with a much smaller number of military personnel. But if one were to observe everything properly, one will immediately find that that allocation in the present times would be very harmful, thus too small, yes, far too small. It seems that the previous chiefs also must have made no remonstrance to the Right Honourable Lords Governors regarding the allocation, as it must have been a matter of indifference to their Honours how things went. Perhaps those gentlemen had acted according to the common Indian saying, for what does it matter to me, let it go as it will because it will last out my time. But because Your Right Honourable Sir is so magnanimous as to ask and order me to state whether I cannot manage with the allocation made by Your Right Honourable Sir, I find myself in the highest degree obliged to testify herewith in all submission to Your Right Honourable Sir that the matters written of herein, with Your highest permission, ought to remain so. Yet if Your Right Honourable Sir judges it must be otherwise, I shall humbly submit to it, and I most humbly request, should any cases arise which I hope will not occur, that you will favorably hold me excused. For the rest, I assure Your Right Honourable Sir that all that has been stated herein has been done in all respect, sincerity, and truth according to my slight but best knowledge, pursuant to Your Right Honourable Sir's order. Thus flattering myself with the sweet hope that I have complied with your highest desire, I therefore await in all humility Your Right Honourable Sir's favorable disposition so as to conduct myself accordingly. Meanwhile, I most humbly recommend myself continuously to your highest protection, and have otherwise the high honour to call myself with deep respect: Right Honourable, Highly Commanding Lord, Your Right Honourable Sir's most humble and faithful servant, signed D: D: van Ranzow. In the margin: Mannar, the 6th of January 1789. Lower down, postscript: I trust that Your Right Honourable Sir will observe from the report of the appointed commissioners that the newly built structures, both in the fort and otherwise, are covered with olas, for want of tiles, which however are very harmful for
Dutch transcription
mag, den assistent Werkmeester, weegens zijne lang Jaa„ dige getrouwe diensten tot boekhouder en ged=e van Duij„ tot assistend te willen bevorderen, door welke voortreffe„ lijke ginst bewijsinge uwel Ed: gestr: groot agtb: mij meed en meer aanspooren zal, met alle getrouwigheid en ijver smeesters voordeel te behertigen, uit welke voorm: reedenen zal uwel Ed: gestr: groot agtb: konnen ont waaren, dat 't niet mogelijk is van de vier pennisten „ alhier te verminderen: alzo in 't gaarnizoen „ ook onder de soldaaten geene is, die wel kan leezen en schrijven, om des noods zo eene tot hulpe in 't werk te neemen. Wat de komp„e sipaijers aanbelangd moet ik met alle op„ regtigheid en eerbied aondoorstig melden, dat het mij leeddoet, dat uwel Ed: gestr: groot agtb: behaagt heeft, hen van hier wa Jaffena en de wvanie te plaetsen, alzo waarelijk hier hoogst nodig zijn, niet tot eenig voordeel, gloone op staatsie, maar tot niet en bewaaking van de standen in het land, wa het seederd dat ik de eerste hebbe laaten besetten kan he niets kontrabands aangebragd en vervoerd worden, niemand nu heeft dus v geleegendheid om als bevooren te smotkelen en te sluiken want een vaartuig dat hier is ge„ visiteerd en de pas verleend geworden, vertrek wel van 't hoofd, maar het gaat voor Pesale, santpedao, tallemannaar en nadyekoeda leggen en onder voorwend„ selen van water en brandhout inteneemen, drijft aldaar alle ongepermitteerde negotie met inneemen van het een en ander van de ingeseteenen en smotkelen dus seer, maar terwijl overal de sepaijens neu gedatecheerd leggen, word zulx daar door tans belet en dus sonder dat men de stranden laat besetten kan man het snok„ „kelen onmoogelijk teegen gaan, daarom wensche ik gaane dat volk niet alleen ten dien eijnde hier aan„ te houden maar teffens ook om de halsteraige en impertinente inlanders in den toom wat te „want houden min of meer zijn ze voor de Sipaijeas wagten bevreesd. Jk neem de vrijheid uwel Ed: gestr: groot agtb: Wier„ nevens aantebieden eene verdeelings lijste hoe ik heeft de de Sipaijer alhier geplaetst hebbe, om de voornoem„ de gegeve reedenen als dus de stranden wel zul„ ^bewaard len berd worden, soo als uwel Ed: gestr: groot agtb: ook begeerd, heeft gehad, dan diend dezelve zodanig te blijven alsze thans beset zijn, wensche ik om uwel„ Ed: gestr: groot agtb: genoegen te geeven, dat de si„ paijes hier moogen blijven Continueeren, maar als het niet geschieden kan, moet ik mij daer omtrent getroosten dog ik hebbe de eer uwel Ed: Gest: groot agtb: eer„ biedigst te melden, dat de Heer Nagel van mij maar een vaandrig 2, Zergeants, 3. korporaals, 1. tamboer, en 35. gemeenen heeft gevraagd, om in de wannie gedetasheerd te blijven, wier ik ook ten eersten aan zijn E. hebben afgezonden. Ik verzoek dat uwel Ed: Gestr: Groot Agtb: om de gegeeven reedenen de overige helfte hier te laeten, dus zo dra de Heer Nagel om meer volk verleegen mogte weezen, dan kan en z ten zal ik zetten eersten tot op de halve komp„e naa zijn E. Zenden; en als ik ook om volk mogte verleegen De schikking die de Heer Gouverneur Falck /:Z: ( ontrent de militie ter dier tijd alhier gemaakt had, was de omstandigheeden en tijden daarna, maar het zeederd veranderd zijnde, kan men zoo nauw daar op niet te werkgaan, en als men in allen deele zig onver„ schillig houd en alles voor een bagatel aanziet, en on„ bekommert blijft, als dan kan men zeer wel daer na handelen, en zelfs met veel gedingen getal militairen stellen, dog als men alles na behooren zoude waar„ neemen, dan zal men ten eersten bevinden, dat die bepaeling bij de teegenswoordige tijden zeer schadelijk dus te gering, Ja veels, tegeding weesen; het scheind dat de voorige opperhoofden ook geene teegen vertooging aan de wel Edele Heeren gouverneurs weegens de bepaeling moesten gedaan hebben, dewijl het bij hun E„s onverschillig moeste geweest zijn, hoe het ook toeging, misschien hadden weezen e k altijd van denzelven weeder verzoeken, op die wijze, zouden men melkanderen kunnen tege„ moet komen weezen die die heeren na de algemeene indiasche spreekwijse gehandeld, want kan het mij verscheelen, laat het gaan zoo als het gaan wil om dat het mijn tijd wel uijthouden zal, maar wijl uwelEd: Gestr: grod Agtb: zoo Edelmoedig is, van mij te vragen en te ordonneeren dat ik seggen zoude, of met de door uwelEd: gestr: groot Agtb: bepaaling niet kan stellen soo vinde ik mij ten hoogsten verplogt uwel Ed gestr: groot agtb: bij deesen in alle onderdanigheid te getuijgen, dat de zaaken, in deesen aange„ schreeven, met verlof van hoogst denzelven, zoo dienen te blijven, dog oordeeld uwel Ed: Gesta: Groot Agtb: anders te moeten zijn, zal „en verzoeke noedrgst voor eenige gevallen ik mij in oodmoed laaten gevallen, die ik niet verhoope, mogte koomen te ontstaan mij gunstiglijk voor verschoond te willen houden, voor het overige verzeekende ik uwelEd: gestr: groot agtb:, dat al het geene in deezen vertoogd is, in alle eerbied opragtheid en waarheid na geringe dog beste kennisse, ingevolge uwer welEd: gestr: groot agtb: ordre gedaan hebbn, dus ik mij met die soete hoope flatteeren, dat ik aan hoogst desselfs begeerte voldaan, te hebben, verwagt ik mits dien in alle ootmoed uwer welEd: gestr: groot agtb: gunstige dispositie om mij daar na te kunnen gedragen: ondertusschen recommandeere ik mij needrigst bij aanhoudendheid in hoogst deszelfs protezie, en het overigens de hooge eere met diep respect mij tenoemen (:onderstond:) WelEd: groot Agtb: Hoog gebiedende Weere . uwer„ WelEd: gestr: groot Agtb: aller onderdanigste en trouwschuldigste Dienaer /:geteekend:/ D: D: van Ranzoir /:in margine:/ Mannaaa den 6. Jannuarij 1789. /:Laager:/ PS: Jk ver„ trouwe dat uwelEd: gestr: groot agtb: beschouwen zal, bij het rapport der weeden gecommitteerdens, daat de nieuw aangemaakte gebouwen soo in het fort als andersints, met olassen gedekt zijn, mits gebrek aan pannen, dewelke egter zeek schadelijk zijn na voor
English
To the same as before. To the same as before for those roofs, since very many white ants are visibly appearing on the olas, which one cannot perceive at first, and are eating away the timber and laths, therefore for the preservation of the same I most humbly request Your Right Honourable and Highly Esteemed Sir to be pleased to requisition from Jaffna, to assist Mannar with the necessary tiles, or else to send hither as many tilemakers as will be capable of manufacturing and delivering on the other side here the necessary tiles for the aforementioned buildings that have been constructed. Having just received the enclosed letters from the opposite coast, I offer them respectfully to Your Right Honourable Sir, to which I humbly add for Your Right Honourable Sir's honored consideration a copy of the Kilkare letter of the 20th of this month, which I have likewise just this moment received from there. To which end I let this serve solely in all reverence, and further have the high honor to call myself with all respectful and increasing esteem, was signed as before, in the margin Mannar the 27th of January 1789, below postscript: I request Your Right Honourable Sir to be permitted to know whether, in case the Moor Kader Saaijwoe comes here and should show me any insolence, I will be able to arrest him and send him up thither. Having just received the enclosed letter from Tuticorin, I offer the same respectfully to Your Right Honourable Sir, to which I humbly add for Your Right Honourable Sir's honored consideration a copy of a letter written to me by Mr. Alekern. Your Right Honourable Sir would be able to gather from this that the rumour from the opposite coast, that the Nabob's servant was to come here to inspect the pearl banks, is not untrue, since Mr. Alekern also acknowledges this and writes that they will hold themselves ready today to come over here from there. But it surprises me To the same as before that Mr. Alekern, already knowing the intention of the Nabob, had not given me notice thereof earlier, as such was indeed his duty; and since I, upon information received regarding this, informed his Honour, that is why his Honour only now comes to report to me concerning this. While I take the high honor to remain with deep respect, was signed as before, in the margin Mannar the 4th of February 1789, below postscript: Mr. Everet has informed me that the servant of the Nabob, Baudien Chans, is currently at Trichenapoly; he likely arrived there in order to come over here as well. To the same as before. I have had the honor to receive Your Right Honourable Sir's most respected separate missive of the 2nd of this month, in humble reply whereto I report that I shall not fail in anything that Your Right Honourable Sir has been pleased to command me therein, to take it for my dutiful information and observance. From the enclosed copy of the Kilkare letter, which I have the honor respectfully to offer to Your Right Honourable Sir, Your Right Honourable Sir will be able to see the request of the residents on behalf of the Theuver to assist in persuading the Chank divers who have taken refuge from there over here, to the end that they may return thither again. I have written to the aforementioned residents in reply that I have notified Your Right Honourable Sir thereof and await orders from Your Right Honourable Sir as to how I shall conduct myself in that regard, so that I cannot comply with their request earlier. Hoping herewith dutifully to have answered Your Right Honourable Sir's aforementioned respected missive, I take the reverent liberty to remain with owed respect and increasing high esteem, was signed as before, in the margin Mannar the 9th of February 1789.
Dutch transcription
Aan Als vooren. Aan Als vooren voor die dakken, alzoo aan de olassen zeer veel witte mieden oogschijnelijk koomende, die men Looten eersten niet bespreuden kan, de houtten en lasten wegweeten mits dien ter Contervatie van dezelve verzoeke uwel„ Edele gestr: groot agtb: ootmoedigst na Jaffena te willen demandeeren, om mannaar met de nodige pannen 't assisteeren, dan wel zoo veele pannebakkers her„ waards te zenden, die in staat zullen zijn, de nodige pannen voor de voornoemde aangemaakte gebouwe¬ aan de overzijde alhier te vervaardigen en leveren- De ingeslootenen brieven Zoo eeven van de overwal bekoomen hebbende, biede ik uwel Ed: Groot agtb: met respect aan, waar bij ik tot uwelEd: groot agtb: ge eerde speculatie nog needrig voege, kopia kilkarase brief van den 20. dezer, dien ik tegelijk momente„ „lijk van daar hebbe ontvangen. Tot welkers geliede laate ik deezen eenlijk in allen eerbied dienen, en hebbe voorts de Hooge eere, van met al uijdenkalpe respect en voeneemende agting mij tenoemen /:onderstond:/ en /:geteekend:/ als vooren /:in margine:/ Mannaar den 27. Jann: 1789. /:Lager:/ PS: Jk verzoeke uwel Ed: groot agtb: om te moogen weeten, of ik den moor kader„ Saaijwoe, bij aldien hij hier komt en mij eenige insolentie mogte bewijzen, zal konnen arresteeren en naar derwaards opzenden Zoo eeven den inleggenden brief van Tutukorijn bekoomen hebbende, biede ik dezelve uwelEd: groot Agtb: met respect aan, waar bij ik tot uwelEd: groot Agtb: g'ende specilatie nedrig voege, Copia brieff door den Heer Mlekeren aan mij geschreeven. uwelEd: groot Agtb: zoude daar uit konnen ontwaeden, dat 't spargement van de over„ wal, dat de bediende van de Nabab dit heen zoude koomen, om de Paarlbanken te visiteeren, niet on„ waer is, wijl den Heer Hekean ook zulx bekend en schrijft, dat ze heeden zullen klaar houden, om van daer hier na toe te koomen; Maar het verwondert respect mij Aan als vooren mij dat den Heer Alekern, albereeds het voorneemen van de Nabab weetende, mij niet eerder derweegen hadde kennisse gegeeven, daar dog zulx zijn E„ pligt is geweest; En dewijl ik op bekoomene narigt dienaengaende; Aan zijn Ed: hebbe berigt gedaen; daar om komt zijn Ed: nu eerst dekweegen aan mij temelden. Terwijl ik de hooge eere aanmatige, aan met diep aes„ pect te verblijven /:onderstond:/ en /:geteekend:/ als voore„ /:in margine:/ Mannaar den 4: febr: 1789. /:Lager P: Den Heer Everet heeft mij bedeelt, dat den be„ diende van den Nabab baudien chans thans te bier„ jenapalie zig bevind, waarschijnlijk zoude hij daar gekoomen zijn, om meede dit heen overtekoomen. Aan Als vooren. uwel Ed: groot Agtb: hoogst gerespesteerde apparte missive van den 2 dezer heb ik de eere gehad te ont„ vangen, waar op nedrig in antwoord twee zande melde, dat ik niet in gebrekke zal blijven al het geen uwel Ed: uijt de inleggende Copia Kilkarese brief die ik d' Eers heb uwel Edele Groot Agtb: met respect aantebieden, zal uwel Edele Eroot Agtb: konnen boogen het ver„ „zoek van de rezidenten uijt naam van den theuwer om behulpig te zijn, in de Chiankos duijkers, die van daar dit heen de wijk hebben eijnde. genoomen te overreeten, ten dien hinde ze weder dat heen mogen terug koeren. Jk heb daar op aangem: rezidenten geschreeven, dat ik der„ welgens aan uwel Edele Groot Agtb: hebbe ken„ nisse gegeeven en van uwel Edele Groot Agtb: orders afwagten, hoe ik mij daar omtrend zal hebben gedraagen dus ik niet eerder aan hun verzoek kan voldoen groot Agtb: mij daar bij heeft gelieven aantebeveelen tot mijne schuldige nadigt en observantie tenemen. Hier meede verhoopende uwel Ed: groot Agtb: voorm: geres„ pecteerde missive plegtschuldig te hebben b'antwoord, matige„ ik mij de eerbiedige vrijheid aan, van met verschuldigt despect en toenemende hoog agting te verblijven. /:onderstond:/: /:geteekent:/ als vooren /:in margine:/ Mannaar den 9. Februarij 1789. groot En
English
To the same as before. To the same as before. And since I think that we now have found the best opportunity to also confront the Theuver regarding the bad conduct that has taken place on the opposite shore concerning our fled Parruas, by detaining them there and supporting them with everything necessary, I deem it necessary to propose with respect to your Right Honorable that for many reasons it would be good if a written agreement were now entered into between us and the Theuver, that they will henceforth not detain our people who might flee from here to the opposite shore, but will deliver them over here at once, and that they will also cause no molestation to our cruisers, in which case we will likewise not fail to observe the same toward the people from the opposite shore. I thus await upon this your Right Honorable's most honored orders as to how I am to conduct myself. While I have the high honor, with all high esteem and most perfect respect, to subscribe myself as, underneath: Your Right Honorable's most respected secret missive of 24 June last I have had the honor to receive, and have taken what was ordered therein concerning the drummer Hendrik Schreuder for my dutiful notice and observance. Wherewith I assume the high honor, with deep dutiful respect and all high esteem, Having had the honor to receive your Right Honorable's most respected missive of the 13th of this month, I hereby respectfully reply that I have taken all that your Right Honorable was pleased to order me therein regarding the Theuver and the fled mainlanders, Chandoos, and divers, for my dutiful notice and observance. While for the rest I have the high honor, with due respect and all high esteem, to call myself, underneath, and signed as before, in the margin: Mannar, 24 April 1789. underneath: Right Honorable, High Ruling Lord, your Right Honorable's most humble and obedient servant, was signed: D. D. van Ranzow, in the margin: Mannar, 7 April 1789. underneath: esteem. To the same as before. To the same as before. to make a most humble report, and until your Right Honorable Having had the high honor to receive your Right Honorable's most respected secret missive of the 21st of this month, together with the list of the Company's Moors mentioned therein, I hereby respectfully reply that the letter received for Tuticorin was immediately forwarded thither. The aforementioned Company has not yet arrived here, but today I received word from Putlam that the same departed from there for this place on the afternoon of the 28th of this month, and I shall therefore not fail, as soon as the said Company arrives here, to act as your Right Honorable was pleased to order me regarding them, and also then immediately send the sepoys stationed here to Jaffnapatnam, since this cannot happen sooner without an opportunity, because they are stationed at the principal hiding places on this island. According to dutiful obligation I hereby humbly inform your Right Honorable that the Company's Moors arrived here the day before yesterday. Mr. Nagel informed me that for lack of money he cannot take any soldiers into garrison in the Vanni, and that he had also written to and requested of your Right Honorable in that regard that the detachment of Moors be retained until further orders. I thus have the high honor to offer for your Right Honorable's honored consideration, enclosed herein, a copy of the letter from the said Mr. Nagel, which I also respectfully accompany with a letter received from the opposite shore for your Right Honorable, so as to act therewith and a humble report thereof can be made here to your Right Honorable. While taking the further orders in the aforementioned respected missive for my dutiful notice and observance, for the rest I assume the high honor to be with the most perfect high esteem, underneath: as before, was signed: C. Bruger, in the margin: Mannar, 31 July 1789. to be with esteem, underneath, and signed as before, in the margin: Mannar, 3 July 1789. While come To the same as before. Examined: W. J. Antriet. received letter. Wherewith I have the honor to call myself with the utmost high esteem, underneath, and signed as before, in the margin: Mannar, 3 August 1789. Having found myself highly honored to receive your Right Honorable's most respected missive of the 17th of this month, I serve in most humble reply thereto that I shall not fail to take what was ordered therein concerning the envoys of Mr. Nagel for my dutiful notice and observance. And as we do not have the most necessary in stock here, namely spices, which the said envoys will expressly desire to have upon arrival here, I humbly request your Right Honorable to be so kind as to send hither 2 lb mace and 2 lb nutmegs as soon as possible, as I think that they will not arrive here for another 8 to 10 days. For the rest, I assume the high honor to remain with all respect and high esteem, underneath, and signed as before, in the margin: Mannar, 23 December 1789. Lower down: P.S. After this was thus far prepared, I received the enclosed packets and letters from the opposite shore for your Right Honorable, which I offer to the same with much respect. First clerk Hybrands. Accommodated.
Dutch transcription
Aan als vooren. Aan als vooren En wijl ik denke dat men nu de beste gelegenheid heeft getroffen, om de theuver ook wat voorte houden wegens de slegte gedoentens die w men aan de overwal heeft gedaan omtrend onze gevlu „te parrewassen van hen aldaar aantehouden en hen met al het benodigde te ondersteenen zoo agte ik 't noodig te weesen uwel Edele groot agtb: in eerbied te proponeeren dat on veele reedenen goed zoude zijn, als er nu een schriftelijk accoord word aangegaan tus„ „schen ons en de theuwer, dat zi voortaan ons volk dat van hier na de overwal mog „te vlugten, niet zullen aanhouden, maar ten Eersten dit heen overleeveren, en dat ze ook aan onse kruijzers geene molesten zouder doen als wanneer men dan ook niet zal naalaaten het zelve omtrend de overwallerd te betragten. Jk verwagte dus van uwel Edele Groot Agtb: hier op hoogst desselfs g'eerde orders, hoedanig ik mij hebbe te gedraagen. Terwijl ik de hooge eere hebbe„ van met alle hoog agting en volmaakst respect mij te onderschrijven als /onder„ uwe wel Edele Groot Agtb: hoogst gerespecteerde secreete missivo van den 24 Junij J:o L: heb ik de eere gehad te ontvangen, en het geordonneer„ „de daar bij nopens den tamboer hendrik, Schreuder tot mijn schuldige narigt en observantie genoomen. Waarmeede ik de hooge eere aanmaatige van met diep schuldigt respect en alle hoog De eere gehad hebbende te recipieeren uwel Ed: gestr: Groot Agtb: hoogst gerespecteerde missive van den 13=e deeser, zoo treede ik mits deesen daar op nedrig tot andwoord „ dat ik al het geen uwel Edele Groot Agtb: mij daarbij wegens den teu„ dreijkers. „veren ende gevlugte overwalse Caan noos duij heeft gelieven te ordonnaeren, tot mijne schuldige na„ „rigt en observantie hebben genoomen. Terwijl ik overigens de hooge eere hebben, met verschuldigde respect en alle hoog agting mij te noemen /:onderstond:/ en geteekend als vooren in margine Mannaar den 24 April 1789. „stond:/ wel Edele Groot Agtb: hoog Gebiedende heer uwer wel Edele Groot agtb: onderdanigsten e en gehoorzaamen Dienaar:/ was geteekend:/ D: D van Ranzouw /: in margiene Mannaar den 7 April 1789. „stond:/ agting Aan als vooren Aan als vooren „nigst verslag te doen; en tot uwEdele Groot Achtbaare De hooge eere gehad hebbende te ontvangen uwer wel Edele Groot, Achtb: hoogst gerespecteerde secreete missive van den 21: deeser nevens de daar bij vermelde Lijste van de komp: mooren„ zoo treede ik mits deesen daar op in eerbiedige beandwoording dat den bekoomen brief voor tutukorijn ten Eersten dat heen voortgezon„ „den is geworden. De voornoemde Comp: is tot nog alhier niet ge„ arriveert, maar heden heb ik van putlang schrijvens bekoomen, dat deselve op den 28 deezer 's agtermiddags van daar dit hem was vertrokken, en ik zal dus niet man keeren zoodra gem: Comp: hier zal zijn aan als uwel Ed: Groot Agtb: derweegen mij heeft gelieven te ordonneeren, en ook als dan de Chiepahies di hiarleggen, ten eersten zenden waar Jaffanapatnam, wijl zulks zonder geleegendheijd niet eerder geschie„ „den kan, vermits zij op de voornaame schuijl schuldplaatsen op dit Eijland gepestend zijn volgens schuldigen pligt brenge ik mits dee„ „sen uwel Ed: groot Agtb: needrigter kennisse dat de Comp:s Mooren op eergister alhier aange„ koomen zijn, Den heer Nagel heeft mij bedeelt, dat denzelven mitsgebrek aan geld geene Militairen in de wannie in guarnizoen Kan neemen, en dat dientweegen aan uwel Ed: groot„ Agtb:, ook geschreeven en versogt had, dat het detachement, mooren, tot nader beveelen aangehouden, dus ik de hooge eere heb uwel Edele Groot Agtb: g'eerde speculatie in dee„ „sen geslooten, aantebieden, Copia van den brief van gem: heer Nagel, dewelke ik teffens met rispect laat verzeld gaan, van een van de overwal voor uwel Ed: Groot Agtb: be„ gekoomen, daar meede zoodanigte handelen & daarvan onderdoen van uwel Ed: Groot Agtb alhier kan worden Terwijl ik het verder geordonneerde bij voorm: geres„ „pecteerde missive tot mijn schuldige narigt en observentie neemende voor 't overige de hooge eere aanmaatige van met de aller volmaak„ „ste hoog agting te zijn /:onderstond:/ als vooren /:was geteekend :/ C: Bruger /:in margine /: Man„ naar den 31:. Juli 1789. agting te zijn /:onderstond:/ en /:geteekend :/ als vooren :/ in margiene/ Mannaar den 3 Juli 1789. Terwijl komen E Aan als vooren Nage zien W: J: Antriet „koomen brief- Waarmeede ik de hooge eere heb van met de uijt„ terste hoog agting mij te noemen /:onderstond/ /en /geteekend:/ als vooren /:in margiene:/ Man„ „naar den 3 Augustus 1789. Mij ten hoogsten vereerd gevonden heb bender te ontfangen uwelEd: Groot Achtb: hoogst gerespecteerde missive van den 17. deeser, zo diene ik daar op aller onderdanigst tot and woord, dat ik niet zal man keeren 't geordonneerde daar bij omtrent de zen„ delingen van den heer Nabal tot mijn schuldige narigt en observantie te neemen; En alsoo men hier 't noodzwaklijk heeft; „ste teweeten specerijen, niet in voorraad dewelke gem: gem: zen„ „delingen bij aankomst alhier expresse zullen begeeven te hebben, zoo verzoekke ik uwel Ed: Gestr: Groot Achtb: needrig om 2. lb foelie en 2. lb: nooten, hoe eer hoe liever dit heen gunstigst te willen zonden, alsoo ik den ke dat ze nog voor 8. â: 10. dagen, hier niet zullen aan koomen. Jkmatige mij voor 't overige de hooge eede aan, van met al respect en hoog agting te verblijven /:onderstond:/ en /:geteekend:/ als vooren /: inmaagine:/ Man„ VEgklerk naar den 23. xber: 1789 /: Lager:/ P: S: Na dat deesen dus verre was verwaardigd, ontving ik de inleggen de pasketten en brieven van de overwal, voor uwel Ed: Gest: Grot Achtb: dewelken, ik hoogst den selve met veel despekt aan biede Hijbrands „naar Akkondoent. dis
English
Kolombo To the Right Honorable, Highly Esteemed, High and Mighty Lord! Willem Jacob van de Graaff Ordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceijlon and the Coast of Madure &a &a &a, together with the Council. Right Honorable, Highly Esteemed, High and Mighty Lord! I have had the honor to receive Your Right Honorable's most esteemed separate letters of the 29th of December and the 8th of this month, and shall let the recommendations therein serve for my dutiful guidance. Having seen from the annexed copy of the letter from the Nabab to Your Right Honorable that His Highness says he has learned that the Chief of Tutu korijn is the principal cause of the disputes and differences that have taken place between the servants of the Cercar and the Company, I find myself obliged respectfully to represent to Your Right Honorable that I have absolutely had no particular differences with the Land Regent or the lesser servants of the Nabab. On the contrary, I have had so much influence over many of these people that during the administration of the present difficult Land Regent, very many difficulties have thereby been prevented which otherwise were unavoidable. All that I have done in the differences with the Land Regent and his servants has consisted in this: that in accordance with my duty I have made representations against their frequent acts of violence and have resisted the same as much as possible. It is more than superfluously known to Your Right Honorable that in present times it is already a great achievement if one can avert the violence with which our rights are incessantly contested, and that the slightest offense from our side would instantly bring us into the greatest trouble. All that has occurred during my stay on this coast of any note with the native government is known to Your Right Honorable, and all my actions have been fully approved by Your Right Honorable; and I therefore consider myself To the same as before. entitled to the protection of Your Right Honorable against the false accusations of the Nabab, which, being couched merely in general terms and indicating no particulars, indeed prove nothing. But since it cannot be a matter of indifference to me that such slanders against me remain uninvestigated and undecided, I request that Your Right Honorable please have the goodness, if necessary, to investigate closely or have investigated my conduct kept with the native government, and subsequently to pronounce judgment whether I am to blame for the differences with the Nabab's government, yes or no. Whether it could now be disadvantageous to the interest of the Company to make representations against such a slanderous expression of the Nabab, as I might justly request, I must leave to the highly wise judgment of Your Right Honorable. I have the honor to be with all respect and fidelity, /was signed:/ Right Honorable, Highly Esteemed, High and Mighty Lord, Your Right Honorable's humble and obedient Servant, /was signed/ M: Mekern /in the margin:/ TutuKorijn, the 27th of January 1789. To the same as before. I have had the honor to receive Your Right Honorable's most esteemed secret letters of the 17th of this month. Already before the receipt, I instructed our emissary to the Teuver court that he should primarily exert himself to get the increased toll abolished, and now I have further instructed him according to the purpose of Your Right Honorable; and if he can bring it so far, to be satisfied therewith as far as this article is concerned. I have the honor to be with all high esteem, /was signed:/ Right Honorable, Highly Esteemed, High and Mighty Lord, Your Right Honorable's humble Servant, /was signed:/ M: Mekern, /in the margin:/ Tutukorijn, the 23rd of April 1789. To the same as before. I have had the honor to receive Your Right Honorable's most esteemed separate letters of the 3rd of this month. I shall let the recommendations therein serve for my dutiful guidance and dutifully report to Your Right Honorable the outcome of the commission entrusted to me and Captain Lieutenant Brohier. I have further the honor to be with due respect, The second signatory having arrived here on the 5th of this month, we gave notice of our commission on the 7th to Mr. James Buchanan, agent of the Nabab, and deferred to him the choice of place to begin the negotiations; but he answered us that he would only be qualified when the treaty should have returned ratified from Batavia, and that if we were so qualified, we should consult about the appointment of a place. We enclose herewith a copy of the said letter with the transcripts of our letters of the 7th and 11th of this month, and have further the honor to be with all esteem, /was signed:/ Right Honorable, Highly Esteemed, High and Mighty Lord, Your Right Honorable's humble and faithful Servant. /signed:/ M: Mekern /in the margin:/ Tutukorijn, the 9th of May 1789.
Dutch transcription
Kolombo Aan den wel Edelen Groot Agtb hoog Gebielende Heer! Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van nederlands Indien Gou, „verneur en directeur van het Eij„ „land Ceijlon en de kuste Ma„ dure &a &a &a Ne¬ vens den Raad. Weledele groot Agtb: hoog Gebiedende heer! Ik heb de her gehad te ontvangen uwel Edele groot agtb: hoogst g' eerde aparte letteren van „den 29: december en 8 deezer, en zal het daarbij aanbevoolens tot mijne schuldige narigt laaten strekken strekken Bij de daarnevens, ontfangene kopij van den brief van den Nabab aan uwel Edele Groot agtb gezien hebbende dat zijn hoogheid zegt vernomen te hebben dat 't opperhoofd van Tutu korijn de principaale oorzaak is van de disputen en differenten, die er hebben plaats ge„ „had tusschen de bedienden van den Cercar in de kompenie vinde ik my verpligt uwelEdele groot Agtb: eerbiedig te vertoonen dat ik volstrekt da ik geen bij zondere verschillen met den Landre„ „gent of de mindere bedienden van de Nabab h gehad Inteegendeel heb ik op veelen van deesze menschen zo veel vermoogen gehad dater gedue „rende het bestier van den teegenwoordigen on„ gemakkelijken landregend heel veel moeije lijkheeden door zijn voorgekoomen die andere onvermijdelijk waaren. Al wat ik in de differenten met den Zandregent en zy bedienden gedaan heb heeft hierin bestaan dat ik volgens mijn en plicht tegen hunne menigvuldige geweldenarijen heb represen„ „taatsien gedaan en dezelve zoo veel mooge„ „lijk tegengegaan. Het is aan uwel Edele groot Agtb: meer dan overbodig bekeng dat het in de teegenwoordige tijden al vergebragd is indien men 't geweld waarmeede onze rechten en ophoudelijk worden aangevogten kan afkeeren en dat de minste beleediging van onze zeide ons oogenblikkelijk in de grootste moeylijkheid zoude brengen. Ml 't geen er geduurende mijn verblijf op dee„ „ze kust van eenige aanmerking met de inlandsch Regeering is voorgevallen, is aan Uwel Edele groot agtb: bekend en alle mijne verrigtingen zijn door uwel Edele groot agtb: volkoomen goedgekeurd, en ik meene bedienden dus e Aan als vooren. dus gerechtigd te zijn tot de bescherming va„ uwel Edele groot agtb tegen de valsche beschuldi„ „gingen van den Nabab die Enkel in generaale termen ingericht zijnde, en heen specialike „ten aanwijzende wel niets bewijsen, maar vermits het mi egter niet onverschillig wa „zen kan dat zulke lasteringen tegen mij buijten onderzoek en onbeslist blijven ver zoe „ke ik dat uwel Edele Groot agtb: de goedheid gelieve te hebben om indien het nodig is mijn gehouden gedrag met de inlandsche reegeering nadat onderzoeken of te laaten onderzoeken, en vervolgens uijtspraake te doen of ik aan de differenten met de Na babsche regeering schuld heb jadan neen of het nu voor 't belang van de kompenie nadeelig zoude kunnen weezen om tegen zulk een lasterlijke expressie van den Nabab vertoogen te doen zoo als ik billijk Ik heb de eer gehad te ontfangen uwel Edele groot agtb: hoogst g'eerde sekreete let„ „teren van den 17 deezer reeds voor den ontfangst, heb ik onzen zendeling aan het Teuversch hoof aan bevoolen dat hij voornaamentlijk zich moest bevlijtigen om den verhoogden tot vernietigd te kwij„ „gen en nu heb ik hem volgens het oogmerk zoude moogen verzoeken moet ik aan het hoog wijzer ooordeel van uwel Edele groot agtb: overlaalen. Ik heb de eer met alle Eerbied aan en trouwe te zijn /onderstond:/ WelEdele groot agtb: hoog gebiedende heer uwelEdele groot agtb: onderdaanige en gehoorzaame Dienaar /:was geteekend/ M: Mekern /:in margiene:/ TutuKorijn den 27 Januarij 1789. zoude van Aan als vooren. Aan als Vooren. van Uwel Edele groot agtb: nader aan bevoolen en indien hij het zo ver brengen kan zich daarmeede te vreeden te houden voor zo verre dit artikel bestaaft betreft. Jk heb de eer met alle hoog achting te zijn /: onde „stond:/ WelEdele groot agtb: hoog gebiedende heer uwel Edele Groot agtb: onderdaanige Dienaar /:was geteekend:/ M: Mekern, /inmar„ „giene:/ Tutukorijn den 23 April 1709. Ik heb de eer gehad te ontfangen uwel Edele groot agtb: hoogst g'eerde aparte letteren van den 3. deezer. Ik zal het daar bij aanbevoolene tot mijne schuldige narigt laaten strekken en van den uijtslag van de aan mij en den Kapitein Luijtenant Brohier opgedraagen kommissie schuldpligtig aan uwel Edele groot agtb verslag doen. Ik heb voorts de eer met verschuldigde eer„ De tweede teekenaer den 5 dezer alhier gekoo„ „men zijnde hebben wy den 7 aan den heer James Buchanan agent van den nabab van onze kommissie kennis Gegeeven en aan hem gedefereerd, de verkiesing van plaats om de onderhandelingen te beginnen maer hij heeft ons geandwoord dat hij eerst gequa„ „lificeerd was wanneer het traktaat gerae„ tificeerd van Batavia zoude zijn te rug ge„ koomen en dat indien wij zodanig ge„ „qualificeerd waaren wij ooor de bestemming van een plaats zouden konsuleeren: Wij voegen hier bij een kopij van den gemel„ den brief met de afschriften van on„ „ze brieven van den 7. en 11. dee„ „zer en hebben voorts de eer met alle achting te zijn /:onderstond:/ „bied te zijn /:onderstond:/ wel Edele groot agtb: hoog Gebiedende heer uwe EEdele Groot Agtb: onderdaanige en getrouwe Die„ „naar. /:geteekend:/ M: Mekern /inmar„ „giene:/ Tutukorijn den 9 Maij 1789. bied Wel Edele
English
To the same as before. Right Honourable, highly commanding Lord, Your Right Honourable’s humble and faithful servants was signed: M:s Mekern. I: Brohier. in the margin: Tutukorijn, the 11th of May 1789. In continuation of what I had the honour to report in my letter of the 11th instant, I herewith present to Your Right Honourable a letter from Mr Buchanan dated the 13th instant, along with the answer given thereto by me. Your Right Honourable will see therefrom that Mr Buchanan appears to have resolved not to enter into any negotiations with us before the treaty, ratified, shall have returned from Batavia, and that he even grossly reproaches us that we have shamefully neglected the procurement of this ratification. The commissioner assigned to me, Mr Brohier, has departed for Tirnevelli to visit Mr Buchanan as a friend, and he has been instructed by me to persuade Mr Buchanan that the negotiations need not wait for the ratification of the treaty, and even to make an advance trial, as if privately, to see how far Mr Buchanan would be willing to agree to the proposals which, in accordance with Your Right Honourable's most respected orders, we intended to make. I have further the honour to be with due respect. beneath stood: Right Honourable, highly commanding Lord, Your Right Honourable’s humble and faithful servant, signed: M: Mekern. in the margin: Tutukorijn, the 20th of May 1789. To the same as before. Mr Brohier, who, according to the report in my respectful letter of the 20th instant, departed for Tirnivelli to test to what extent Mr Buchanan might be persuaded, has informed me that Mr Buchanan has clearly declared that he cannot enter into any negotiations on any matters before the treaty, ratified, shall have been received back from Batavia, as these are the orders of the Nabab which he may not disobey. I have felt obliged respectfully to inform Your Right Honourable of this, and at the same time to request orders as to whether Mr Brohier, who in such case is for the present not needed here, may return to Kolembo. I have the honour to be with deep respect and fidelity, beneath stood: Right Honourable, highly commanding Lord, Your Right Honourable’s humble and faithful servant, signed: M: Mekern. in the margin: Tutukorijn, the 24th of May 1789. We have had the honour to receive Your Right Honourable’s most respected letter of the 26th of June, and shall take the commands contained therein for our dutiful guidance. The second undersigner is now departing back to Kolembo in accordance with high orders. We have the honour to be with true respect and fidelity, beneath stood: Right Honourable, highly commanding Lord, Your Right Honourable’s humble and faithful servants, signed: M: Mekern, I: Brohier. in the margin: Tutukorijn, the 28th of July 1789. To the same as before. The day before yesterday, via Mannaer, I had the honour to receive Your Right Honourable’s most respected secret letter of the 28th of July, the contents of which I shall take for my dutiful guidance. I immediately made a beginning with the recruitment of Sipahis, and I shall do my best to get a company together quickly. But in order to obtain Sipahis for Ceilon, one must explicitly bind them in their engagement to go to Ceijlon, which they otherwise do unwillingly. The English have up to now not been able to induce their Sipahis to cross the sea. Some years ago at Masulipatnam they wanted to enforce it by violence, but the common men rose up against their officers; and when the English in January 1782 at Nagapatnaem embarked men to go and besiege Trinhonomale, they could, although flattered with rich booty, induce no more than a good three hundred Sipahis to go along across the sea. Thus, even if the commandant of Paliamkotte were willing to transfer 100 trained Sipahis to us—which I do not believe he would do without permission from Madras—we would presumably have no use of them, because the people of this coast do not willingly go to Ceijlon except in the utmost necessity. I have the honour to remain with due respect and high esteem, beneath stood: Right Honourable
Dutch transcription
Aan als vooren. WelEdele Groot Achtb: hoog Gebieden, „de heer uwel Edele Groot Achtbaere onderdaanige en getrouwe Dienaeren /:was geteekend:/ M:s Mekern. I: Bro„ „hier. /:in margiene/ Tutukorijn. den 11 Maij 1789. Ten vervolge van 't geen ik de eer heb ge„ „had, te melden bij mijn brief van den 11. deezer biede ik uwel Edele groot Achtb: hiernevens aan een brief van den heer Buchanan gedateerd 13. deezer met 't and„ „woord daar op door mij gegeeven uwel Edele Groot Achtb: zal daar bij zien dat de heer Buchanan schijnt voorgenoomen te hebben dan als vooren. met ons in geen onderhandelingen te tree„ „den voor dat 't tractaat geratificeerd van Batavia zal zijn te rug gekoomen en dat hij ons zelfs groovelijk verwijd dat wij het bezorgen van deeze ratifikaatsie schan„ „delijk vernegligeerd hebben. De mij toege„ „voegde gecommitteerde de heer Brohier is na Tirnevelli vertrokken om als vriend De heer Brohier die volgens het bedeelde bij mijne eerbiedigen van den 20:' dezer na Tirni„ „velli is vertrokken om te beproeven in hoe verre des heer Brechanan zal te brengen zijn heeft mij kennis gegeeven dat de heer Bucha nan duijdelijk verklaard, heeft zich in geene onder handelingen over eenige zaaken te kunnen inlaaten voor dat het traklaat geratificeerd van Batavia zal zijn te rug den heer Buchanan te bezoeken en hij is door mij geinstrueerd om den heer Buchanan te overtuijgen dat de onderhandelingen niet na de ratifikatie van 't traktaat be„ „hoeven te wagten en om zelfs ook vooraf als in het bijzonder een proeve te neemen in hoeverre de heer Buchanan zoude willen bewilligen in de voorslagen die wij overeenkomstig Uwel Edele Groot Agtb: hoogst g'eerde beveelen voorneemende waeren te doen. Ik heb voorts de her met verschuldigde eerbied te zijn. /:onderstond:/ WelEdele Groot Agtb: hoog Gebiedende heer. Uwel Edele Groot Agtb: ond: en getrouwe Dienaar /geteekend:/ M: Mekern. /:in margiene:/ Tutukorijn den 20 Maij 1789. den ontvangen te ontfangen uwel Edele Groot Achtb: hooght Aan als Vooren ontfangen wijl dit de ordres zijn van den Nabab die hij niet overtreeden mag Ik heb mi verpligt gevonden uwel Ed Groot Agtb: hier eerbiedig kinnis te geeven, en teffens om ordre te verzoeken of de heer Brohier die in zulk geval voor eerst hier niet nodig is na Kolembo zal mogen te rug keeren. Ik heb: de eer met diep eerbied en trouwd te zijn /:onderstond:/ WelEdel Groot Achtb: hoog ge„ „biedende heer uwelEd: Groot Agtb: onder„ „daanige en getrouwe Dienaar /:geteekend:/ M: Mekern. /: in margiene Tutukorijn den 24 Maij 1789. Wij hebben de eer gehad te ontvangen uwel Edele groot Agtb: hoogst geeerde letteren van den 26. Junij en zullen het daar by aan bevoolene tot schuldige narigt neemen. De tweede teekinaer vertrekt tans volgens hooge or„ „dre terug na Kolembo. Wij hebben de eere met waare herbied en trouwe te zijn /onderstond:/ Wel Edele Groot Achtb: hoog gebiedende heer uwelEdele Groot agtb: onderdaanige en getrouwe Dienaaer /:getee„ „kend:/ M: Mekern, I: Brohier /:in margiene Tutukerijn den 28: Julij 1789. Eengisteren heb ik de eer gehad over Mannaer Aan als Vooren g.'eerde sekreete letteren van den 28. Julij wel„ „kers inhoud ik tot myne schuldige narigt zal laaten ten strekken. Ik heb aanstonds met het werven van Sipahis een begin gemaakt en ik panie zal mijn best doen om spoedig ^ maar om sipahit voor Ceilon te krijgen. bij den anderen te krijgen ^ moet men bij het engagement hen Expres verbinden om naa Ceijlon te gaan 't geen zij anders engaarne doen De Engelschen hebben tot nu toe hunne sipahie niet hier toe kunnen brengen om over zee te gaan voor Eenige jaaren hebben zij te Ma„ sulipatnam het met geweld willen door drijven, maar de gemeene stouden tegen hun„ ne officiers op en toen de Engelschen in janu„ „arij 1782 te nagapatnaem volk in scheepten om trinhonomate te gaan beleegeren konden zij schoon gevleijt met hen rijken buijt niet meer dan een groote drie honderd sipahis be„ „weegen om meede te gaen over Zee. Wij zouden „dus schoon de kommandant van Paliam„ „kotte ons 100 geoeffende Sipahif wilde overlae„ „ten 't geen ik niet geloove dat hij zonder ver„ „lof van madras zoude doen. vermoedelijk er geen nut van hebben wijl 't volk van deeze kust zonder den hoogsten nood niet gaarne na Ceijlon gaat. Ik heb de Eer met verschuldigde eerbied en hoog achting te blijven /:onderstond:/ Wel Edele te Groot 1
English
To the same as before. To the same as before. Right Honorable, highly commanding lord, Your Right Honorable's humble and faithful servant, signed M: Mekern, in the margin Tutukorijn, the 8th of July 1789. We have had the honor to receive Your Right Honorable's most esteemed secret letter of the 24th of August last. Taking what was recommended therein for our dutiful guidance, we shall present the abridged conditions formulated by Your Right Honorable, which in our view are best suited to the present circumstances, to Mr. Buchanan. We have the honor to be with dutiful respect and high esteem, below stood, Right Honorable, highly commanding lord, Your Right Honorable's humble and faithful servants, M: Mekern, A: van der Wal, W: van Spall, D: V: D: Driesen, F: Damman, in the margin Tutukorijn, the 2nd of September Anno 1789. I have had the honor to receive Your Right Honorable's highly esteemed secret letter of the 30th of August, and respectfully reply thereto that I shall take what was recommended by Their High Excellencies regarding the minting of gold for my dutiful guidance, and that on a subsequent occasion I shall have the honor to submit to Your Right Honorable my reflections concerning the lowering of the alloy of the fanums. I shall take the remarks of Their High Excellencies regarding the conduct of affairs with the native princes and their land rulers for my dutiful guidance. All matters with the native princes and their land regents on this coast are conducted in writing, the correspondence submitted to Your Right Honorable, and I always subject my conduct to the judgment of Your Right Honorable. The difficulty, already repeatedly raised, regarding precedence between the Company and the Nabab in the administration of the pearl and chank fisheries will in many cases scarcely be avoided and will presumably come up again during the forthcoming inspection of the pearl banks, as Mr. Buchanan has made it sufficiently clear that he understands that precedence in dealings with the Company belongs to the Nabab as sovereign lord of all these lands. During the inspection itself, matters might still be arranged so that equality is maintained, since the commissioners on both sides command separately over the tonis and the people of their superiors. However, at the opening of the oysters, the difficulty over precedence will presumably arise again. To remove this, Your Right Honorable prescribed by letter of the [illegible] April of this year to arrange it in such a way that as soon as the inspection of the banks is completed, the pearls found are immediately divided into two parts as nearly equal as possible. But this does not remove the question of who will keep the sample pearls until the inspection is completed. Until now they have been kept by the Resident, but now that Mr. Buchanan will attend the inspection himself, I do not doubt that he will claim this right. This dispute could also be prevented if the pearls found on each day were divided immediately, but then the pearls could not, as usually happens after the completed inspection, be appraised in their entirety to judge the condition of the banks and whether a pearl fishery can be held. In the latter case, the pearls should be kept together in order to serve at the pearl appraisal, but this will also be difficult to do, because the Nabab always desires to see the sample pearls, and once they are in his hands, it is impossible to get them back, as was evident during the fishery of 1788, when all the sample pearls were sent to the Nabab for inspection with the condition that he would return them after the inspection, but this never happened. It seems in itself to be a small and indifferent matter whether the sample pearls are kept sealed by the commissioners of the Company or of the Nabab, but since this custody has hitherto remained with the Company, an unfavorable conclusion might easily be drawn, in my humble opinion, if we were now to leave the custody of the sample pearls to the Nabab's servants. And I am all the more apprehensive about consenting to this, because all the efforts of the Nabab's agent, Mr. Buchanan, are aimed at making us entirely dependent on the Nabab, and I have therefore found myself obliged to request Your Right Honorable's orders in this regard, as I hereby respectfully do. I further have the honor to be with dutiful respect and fidelity, below stood, Right Honorable, highly commanding lord, Your Right Honorable's humble and faithful
Dutch transcription
Aan als Vooren Aan als vooren. Groot Achtb: hoog gebiedende heer uwer wel Ed: Groot agtb: onderdaenige en getrouwe Dienaar /:ge „teekend:/ M: Mekern /:in margiene:/ Tutukorg den 8 Julij 1789. Wy hebben de eer gehad te ontvangen uwel Ed: Groot Agt hoogst g'eerde sekroete letteren van den 24 aug:s He daar bij aanbevoolene tot onse schuldige narige neemende zullen wij de door uwel Edele Groot Agtb verkorte kondittien. Die na ons in zien na de teegenwoordige omstandigheiden best gepast Zij den heer Buchanan aanbieden Wij hebben de eer met schuldige eerbied en hoog achtin te zijn. /:onderstond:/ Wel Edele Groot Agtb: hoog gebie„ „dende hier Uwer welEdele Groot Agtb: onderdanige en getrouwe Dienaaren. /:M: Mekern A: van der Wal W: van Spall. D: V: D: Driesen F: Damman /:in„ margiene Tutukorijn den 2e September A=o 1789 Ik heb de eer gehad te ontfangen uwwel Edele Groot Agtb: hoog g'eerde sekreete letteren van den 30 Aug=s en diene daar op eerbiedig in andwoord dat ik het aanbevoolene door hunne hoog Edelheeden ten belange van het vermunt wordende goud tot mijne schuldigs narigt zal laaten strekken en dat ik bij een nader geleegenheid de eer zal hebben uwelEdele Groot Agtb: mijne bedinkingen over het verlaagen van het alloider fanums voorte draegen. De aanmerkingen van hunne hoog Edelheeden omtrend e de behandeling der zaaken met de Inlandsche vorsten, en hunne Lands bestierders, zal ik tot mijne schul„ „dige narigt laaten strekken. Alle zaaken met de in„ „landsche vorsten en hunne Landregenten op deeze kust worden in geschrifte behandeld de korresponden„ „tie aan uwelEdele Groot Agtb: aangebooden en ik on„ „derwerpe mijn gedrag altoos aan het oordeel van uwe wel Edele Groot Aghtb: De reets meermaal geopperde zwaarigheijd over den voorrang tusschen de Kompanie van den Nabab bij het administree„ „rin van de Paarl en Sjan Ros duijkerijen zal in veele gevallen kaalijk kunnen vermeijd worden vermoedelijk weder ter baan komen bij de aanstaande visitaatsie van de paarl„ „banken wijl de heer Buchanan duidelijk ge„ „noeg heeft doen, blijken dat hij begrijpt, dat de Nabab als souveraine heer van alle deezze lan„ „den in zijne handelingen met de Kompenie den voorrang toekomt Met de visitatie zelve zal het nog wel kunnen geschikt worden dat de ge„ „lijkstandigheid bewaard word wijl de gekommit„ „teerden van bij de Zijlen elk afzonderlijk bevee„ len over de tonus en 't volk van hunne su„ perieuren Waar bij het openen van de oesters zal de Zwae„ „righeijd over den voorrang vermoedelijk weder voorkoomen uw uwel Edele Groot Achtbaare De heeft heeft om dit weg teneemen bij brief van den April deeses jaars voorgeschreeven, om het zo te schikken dat zo dra de visitaatsie der banker zal zijn afgeloopen de gevondene paarls aanstond worden verdeeld in twee zo na mogelijk gelijke deelen maar hier door word niet weggenomen de vraage wie de monster paarlen zal bewaaren tot dat de visitaatie volbragt is ? Tot nu to zijn ze bewaard bij 't opperhoofd maar nu de heer Buchanan de visitaatie zelve zal bijwor nen twijffele ik niet of hij zal dit recht pre„ „tendeeren: Dit geschil zoude ook kunnen worden voorgekoomen indien de paarlen die op elken dag gevonden worden aanstonds wor„ den verdeeld maar dan zouden de paarlen gelijk gewoonlijk na de afgeloopene visitatie geschiedt, niet in zijn geheel kunnen worde gewaardeerd om over de gesteldheijd van de ban„ „ken te oordeelen en of er een paarlvisscherijka worden gehouden. In het laaste geval dienen de paarlen by den anderen te worden gehouden om bij de paarlarsschaij te kunnen dienen mae dit zal ook bezwaarlijk te doen zijn, wijl de Nabab altoos verlang om de Monsterpaarlen te zien, en wanneer te eens in zijne handen zyn is het onmogelijk om ze weder te krijgen zo als gebleeken is bij de visscherij van 1788 wanneer den Nabab alle de monster paarlen om ze te bezzichtigen gezonden zijn met het beding dat hij ze zoude terugge zenden na de bezigtiging maar dit is nooyt geschied. Het scheijnd op zig zelven wel Een kleijne en onverschillige zaak te weezen of de monster„ „paarlen verzegeld worden bewaard bij de gecom„ mitteerden van de Kompanie of van den Nabab maar daar deeze bewaaring tot nu toe bij de kompanie is geschiedt Zoude na mijn gering in Zien echter daar uijt ligt een nadeelig gevolg kunnen worden getrokken indien wy nu de bewaaring van de mon„ snababs „sterpaarlen aan sirababo bedienden over„ „lieten en ik ben in de bewilliging daar toe te meer bekommerd wijl alle de pogin„ snababs „gen van sieababo agent den heer Buc„ hanan daar toe strekken om ons geheel en al afhankelyk te maaken van den Nabab en ik mi derhalven verpligt ge„ vonden, om hier omtrend de ordres van uw wel Edele Groot Agtb: te verzoeken zoo als ik bij deezen eerbiedig doe Ik heb voorts de eer met verschuldigde eer„ „bied en trouwe te zijn /:onderstond:/ WelEdele Groot Achtb: hoog gebiedende heer Uwer„ wel Edele Groot Achtb onderdaanige en om getrouwe
English
To the same as before. I had the honor of receiving your Right Honorable's highly respected separate letter of the 20th of this month, to which I shall have the honor of replying at the next opportunity; while I hereby only report that there are still 250,000 chanks lying here unsold, which the owner accepts to deliver for the offered price according to the gauge that is customary here. The deystoer chanks are from two years, and will amount to very nearly 9,000, arising from a duty of 3 pieces above the gauge of each corge of 124 chanks, which the divers, according to an ancient custom, must furnish to the chief. The honorable Mr. van Angelbeek and I have always previously had 110 pagodas per thousand; for some time, as they have been drawn somewhat less, I have once been offered 80 and once 88 pagodas per thousand pieces, but I have not wished to surrender them because the buyers of the other chanks are extraordinarily eager to have the deystoer chanks with them; but since the chanks are being taken over for the Company, I shall also accordingly deliver my deystoer chanks for the price that your Right Honorable shall be pleased to determine. I have the honor to be with all high esteem, below stood: Right Honorable, High Commanding Sir, Your Right Honorable's humble and faithful servant, was signed: M: Mekern, in the margin: Tuticorin, the 27th of October 1789. To the same as before. In full reply to your Right Honorable's highly respected letter of the 20th of this month, I have the honor to report that owing to the little rain that has fallen for two years, all produce of the country has become scarce and extraordinarily expensive, so that the small collection we made for the Company and the diminished trade of private individuals have been the cause that the scarcity of cotton has not appeared so noticeable, but that the same has risen so high in price above the usual prices that the five percent price increase, which I took the liberty to propose to your Right Honorable, was by far not proportionate thereto, but served only to give some compensation to the merchants for the loss they suffered through the dearness of the cotton. I understand with your Right Honorable all the disadvantages that a price increase can entail, but that does not remove this difficulty: that when linens become higher in price than the fixed Company prices, the merchants either cease delivering or deliver poorer linen. The latter we have already experienced, as upon inspecting the latest parcels of gunnies, virtually no first sort was found. Foreseeing that this must naturally follow, I proposed to your Right Honorable to increase the price of the coarse linen by five percent, since in my view it is better that the Company for once bear this price increase than that the linens decrease in quality. And although I thus in good conscience believed myself obliged to make use of your Right Honorable's authorization for a price increase of five percent on the coarse goods, I nevertheless did not wish to proceed thereto before I had once more examined the matter most accurately and deliberated with the council. We tried to determine the price increase at two to three percent, but seeing that this would not be sufficient, we took the resolution on the 31st of October to make use of your Right Honorable's authorization and to grant the requested price increase on the coarse goods. For some days now we have had pleasant rains which may give us hope for a good harvest, in which case the granted price increase will take place for only three months. I cannot see that the request of the Moor Segod Pariedoe to send the linens, which he and other merchants have been accustomed to send through the narrows of Pamban to Coromandel, henceforth via Mannar upon payment of a recognition fee of two rixdollars for each bale, has any inconveniences in our regard. However, I do not doubt that the Teuver Lord and especially his ministers will devise means to indemnify themselves on that account and compel his subjects to pay the same duty, just as if they had passed through the passage of Pamban. The varnatje who was sent to receive the outstanding debt of the land regent has lost the bond. He is one of those trusted men who are used to bring large sums of money to the factories, and whom we thus believed we could also trust with this. I find myself obliged to give your Right Honorable respectful notice of this, although I keep this unfortunate accident very secret, since the commandant of Palamcottah vigorously urges the land regent to pay his outstanding debt, and he has also promised to do so, but nevertheless defers the payment from one time to another. I have the honor to be with deep respect, Right Honorable, High Commanding Sir, Your Right Honorable's humble and faithful servant, was signed: M: Mekern, in the margin: Tuticorin, the 6th of November 1789.
Dutch transcription
Aan als vooren Aan Als vooren Ik heb de Eer gehad te ontfangen uwel Edele Groo Achtb: hoogst g'eerde aparte letteren van de 20 deezer waar op ik de here zal hebben bij de naaste geleegenheijd te andwoorden; terwijl ik hier bij alleen melde, dat alhier nog on„ „verkogt leggen 250'000 sjankoos die de eijge„ „naar voor den aangebodenen prijs aanneemt te leeveren na de mal die alhier gebruikelijk is. De De Haersjan Roos zijn van twee jaaren, en zullen heel na bij 9000 bedraagen te koomen voort uijt een gerechtigheijd van 3 stuks bod de mal van elk Koer van 124 sjankoos die de duijkers volgens een oud gebruijk aan het opperhoofd moeten opbrengen. De Edele heer van Angelbeek en ik hebben altijd te vooren 11 Opagooden gehad voor de duijzend sedert eenig tijd dat ze wat minder getrokken zijn is er mij eens 80 en eens 88 pagooden voor de duijsend stuk gebooden maar ik heb zeer niet voor Wil„ „len afstaan om dat de Kopers van de andere SyanRoos de destoer sjan Roos er engemeend gaarne bij hebben, doch wijl de Sjan Roos voor de Rempenie worden overgenoomen Zal ik Ten volledige beandwoording van uwel Ed Groot Agtb: hoog g'eerde letteren van den 20 deser heb ik de een te melden dat door den weine„ „gen regen, die er sedert twee jaaren geval„ „len is alle lands produkten ten schaars en ongemeen verduurd zijn dat de klijne inzae„ die wij voor de kempenie hebben gedaen en de verminderde handel van Partikuliere oorzaeke zijn geweest dat het gebrek aan kattoen, niet zo zigt baer is gebleeken maar dat hetzelve zoo hoog in preijs boven de gewoone prijsen is Gesoegen dat de vijf Precent prijs verhooging, die ik de ook mijne destoersjan Roos bij volgens voor den prijs, die uwel Edele Groot Achtbare voor zal gelieven te bepaalen. Ik heb de eer met alle hoog achting te zijn onder„ „stond:/ Wel Edele Groot Achtb: hoog Gebieden„ „de heer Uwer WelEdele Groot Achtb: onder„ „danige en getrouwe Dienaar /:was getee„ „kend:/ M: Mekern /:in margiene:/ Tutu ko„ „rijn den 27. october 1789. getrouwd Dienaar /:was geteekend:/ M: Meke /in margiene:/ Tutu korijn den 6 October 1789 ook vrijheijd vryheijd heb gebruijkt uwel Edele Groot Ag voor te stellen, daar mede in verre nami evenridig was maar alleen trekte ^ de schade die de kooplieden door de duuate van 't kattoen eenige vergoeding van 't kattoen leeden Ik begrijp met uwel Edele Groot Agtb: al de nadelens, die eene prijs verhooping h „nen na zich sleepen maar daar door word niet weggenoomen deese Zwaare „heijd dat wanneer de lijnwaaten hoog worden in prijs dan de bepaalde kompeni prijsen de koeplieden of ophouden te leveren of slegter lijwaat leeveren Het laatste heb we reeds ondervonden wijl by het besigt gen van de laatste parteijen gunees ge„ „noegsaam geen eerste soort is gevonden voorsiende dat dit natuurlijk moest volgen heb ik uwel Edele Groot agtb: voorgesteld om den preis van het gro „ve leijuaat met vijf percent te verhoo„ „gen wijl 't namijn in zien beter is dat de Rempenie voor een en keld maal zig deese preys verhooging getrooste dan dat de lijwaaten in deugd verminderen en hoewel ik dus in ge„ „moede meende verpligt te weesen om gebruyk te moeten maaken van UwelEdele Groot Agtb: qualificaatie tot Eene prysverhooging van vyf per„ Cent op het grove goed heb ik egter daar toe niet willen treeden voor dat ik nogmaals de zaak op het naauwkeurigste onderzogt en met den raad overwogen had, wij hebben ge„ „tragt om de prysverhooging tot twee à drie precent te bepaalen, maar Ziende dat dit niet voldoende zoude weesen zijn wij op den 31 oktober tot het be„ „fluijt getreeden om van uwelEdele groot Agtb baar qualifikaatsie gebruijkt te maaken en de verzogte prijs ver„ hooging op het groote goed te akkorde„ maal „ren e „ren. Wy hebben sedert eenige dagen al gename regens gehad die ons op een go gewas moogen doen hoopen, in welk geval de toegestaane prijs verhoogin„ slechts drie maanden zal plaats hebben.. Ik kan niet zien dat het verzoek van den moor segod Pariedoe, om de lijwaet die hij en andere kooplieden gewoon zijn geweest door de engste van Pambo na Kormandel te zenden voortaan over Manaar te verzenden onder betaaling van een rekognietsie van twee rds voor elk pak ten onzen opzigte in konve„ nienten heeft Echter twiffel ik niet op de Teuverheer en voor al Zijn mi¬ „nisters zal opmiddelen bedagt wee„ „sen om zich desweegen s schaadeloos te „stellen en zijne onderdaanen dwingen tot de betaaling van deselve gerechtig„ „heijd, even, of zij de doorvaard van Pambo gepasseerd waeren. arnatje De naratse die gezonden was om de res¬ „tand schuld van den landregent te ontfangen heeft de obligaatsie verlooren. Bij is eens van die ver„ „trouwde menschen die Gebruijkt worden, om groote sammen Gelds na de faktorijen te brengen en die wij dus gemeent hebben dit ook temoogen Vortrouwen Ik vinde mij verpligt Uwel„ „Edele Groot Agtb: hier van eerbiedig ken„ „nis te geeven, schoon ik dit engelukkig geval zeer geheijm houde wijl de Komman „dant van palleamkotte den landregent kragtig aan spoort om zijn restand schuld te betaalen en hij ook beloofd dit te zullen doen maar echter de betae„ „ling van den eenen tyd tot den an„ „den en verschrijft. heyd JR
English
To as before I have the honor to be with all respect and fidelity, below stood, Right Honorable, Highly Commanded Lord, Your Right Honorable's humble and faithful servant, was signed, M: Meker. In the margin, Tutukerijn the 2 November 1789. I had the honor to receive Your Right Honorable, Highly Respected secret letters of the 12th ultimo, to which serves in respectful answer that upon the petition which the Parruas presented to me, I gave in substance the very same answer which Your Right Honorable ordered to be given to them here, to the petition presented to Your Right Honorable directly, and that I have not once, but repeatedly held before them and tried to make them understand that their requests ran contrary to all grounds of fairness and decency; but that they, not satisfied with this, requested the petition to be forwarded to Your Right Honorable, as was done promptly. This circumstance was neglected to be mentioned in the general letter of the 27th October, which was drawn up somewhat in haste to give Your Right Honorable speedy notice of what occurred, for which omission I request a favorable excuse. Presumably the incident would not yet have arisen if the Reverend Meijer had not proceeded with his examinations and instruction in the school, but apart from the fact that it was not to be supposed that the Parruas would not have awaited the answer to the petition presented by them to Your Right Honorable, no one here could suspect that they would have gone to such extremes in so unfair a cause as they had, and much less that they would be protected and supported therein by the government of the Nabab, who, because of the interest he has in the pearl fishery and for the sake of the tributes, would have been obliged to cooperate in bringing back the Parruas, but who instead of that quite openly supported and protected the Parruas with the promise to take up their cause and help advance it, and that this was no mere suspicion became very clear shortly afterwards, when the Nabab's agent Mr. Buchanan, coming here, frankly admitted that the country regents protected the Parruas out of political motives, because he believed he could draw more advantage from this people if it stood not under the Company but directly under the Nabab, or at least to open a way whereby he could always have the opportunity to fleece this people. Now that the people, having once cast off all obedience and bolting like a mad horse, saw themselves supported in this manner, it was very easy to understand that all reasons demonstrating the unfairness of their demands, which they had previously rejected so many times, would now be of no effect whatsoever, as also appeared since, because I superfluously had the same presented to them by their headmen, with an attached notice of safe conduct if they returned immediately, to which they again put forward their requests in sharper form, with the declaration that they would not return without the granting of the same. There remained therefore in this circumstance nothing else than: 1. either to leave the Parruas, who found protection outside our villages, to their fate and to wait until they, driven by poverty and misery, returned of their own accord, or, 2. to grant the requests of the Parruas. In another time we very presumably could have tired the Parruas out by exercising patience and forced them to return of their own accord, which it would have been well to wish that we could have done, but the Parruas, backed by the country regents, would have been able to hold out longer in this circumstance, and at least would have exerted their utmost efforts to hold out as long as possible. Meanwhile the people, and especially the more and more diminishing divers who would gladly be discharged from this obligation, would easily disperse, the government of the Nabab would get a hand in the governing of the Parruas, and given the large debts which this people made on account of the entire nation, to be liquidated thereafter, and given the impossibility of [illegible] the same from the having ruined themselves that
Dutch transcription
Aan als vooren Ik hebde eer met alle Eerbied en trouw te zijn /:onderstond:/ WelEdele Groot Ag hoog Gebiedende heer uwer wel Edele Groot Agtb: onderdanige en getrouwe Dienaar /:was geteekend:/ M: Meker„ /:in margiene/ Tutukerijn den 2 Novem „ber 1789 Ik heb de eer gehad te ontfangen uwel Ed: Gestr: Groot Achtb: hoogst g'eerde sekreete letteren van den 12=e Ther; waar op in eerbiedig andwoord dient dat ik op request 't geen de parauas aan mij gepresenteerd hebben in substantie het zelve andwoord heb gegeeve 't welk uweld: Groot Achtb: belast heeft hien te geeven, op 't request aan hoofst den selven gepre„ „senteerd, en dat ik hen niet eenmaal, maar bij herhaling heb voorgehouden, en trayten begaijpe„ „lijk te maaken, dat hunne verzoeken teegen, alle groon„ „den van billijk heid en betamelijkheid aan liepen; maar dat zij daar meede niet voldaan, verzogt hebben 't request voor Uwel Ed: Groot Achtb: aftezenden, zoo als zoedeat geschied is; Deeze omstandigheid, is bij den gemeenen brief van den 27=e october; welke om uwel Ed: Gestr: Groot Achtb: van 't voorgevallene spoe,e dig kennis te geeven, wat in haast is ingesteld, ver„ suund te melden, over welk ver zuim isk een gunstige verschooning verzoeke vermordelijk zoude 't geval nog niet ge-exteerd zijn, indien de heer Predikant Meijer met zijne onderzoekin gewen onderweisinge, in de school niet waare voortgevaaren, maar buiten en behalven dat 't niet te veronderstellen was, dat de parruas op't' re„ „quest door hen aan uwelEd: Gestr: Groot Aihtb: gepresent „teerd 't andwoord niet zouden hebben afgewagt, konde al„ hier niemant vermoeden, dat zij in zo een onbillijke zaak, als zij voor hadden, tot zulke uittersten zouden zijn gekoomen en veel minder, dat ze daar in zouden zijn beschermt en oudsteund geworden door de Regeering van den Nabab, die om 't be„ „lang, 't geen deselve heeft bij de paal Jan koos duij„ kerij, en om den wille van de tributen verpligt waere geweest om meede te werken tot 't terugge brengen van de parruas maar die in steede van dien vrij openlijk de parruas ondersteunde en beschermde hebben met niet belofte van zig hunne zaak te zullen aantoeke we en helpen bevorderen, en dat dit geen en kel vermoedend geweest, bleek kort daar na heel duijdelijk, wanneer A: Nababs agent de heer Buchanan hier koomende onbewimpeld erkende, dat de Land regenten de Parrua proteseerde, uit politieke insigten, wijl hij meende meerd voordeel van dit volk te kunnen trekken, indien 't zelve niet onder de komp: maar direkt onder den Nabab stond, of, om ten minsten een weg te openen waar door hyj gelegendheid alteid gelendheid konde hebben om dit volk te plukken Daar nu 't volk, eenmaal alle gehoorzaamheid af„ gelegt, en als een dollend paard aan 't hollen was, zig op deese wijze gerugge steund zag, was 't heel ligt begrijpen, dat alle reedenen tot betooging van de onbillijkheid van hunne eijssche, die zij te voo„ „ven zoo meenigmaal verworpen hadden, nu van geen de minste vrugt zouden weesen, zoo als zeedert ook bleek, wijl ik hen deselve ten overvloede door hunne hoofden heb doen voor houden, met een bij ge„ voegd biljet van staaf, vrijheid, in dien zij ten eersten te rugge kwamen, waar op zij op nieuw hunne ver„ „zoeken in geschaefte hebben voorgedraagen, onder verklaring dat zij zonder de in williging van deselve niet zouden terug„ gekoomen Daar bleef, dus in deese omstandigheid niet s an„ ders over, als. 1. off de Barruas, die bescherming vonden buiten onze dor„ „pen aan hun tot over„elaaten en te wagten tot zij door aamoede en elen de gedrongen van zelve te rugge kwaamen, of, 2. de verzoeken der Parruas inte willigen, Jn een anderen tijd zouden we door geduld te oeffenen 't den Parruas zeer ver„ moedelijk hebben kunnen moede maaken en noodzaaken om van zelve terugge te keeren, 't geen wel te wenschen waere geweest, dat we hadden kunnen doen, maar de Parruas, gerugge stund loor den Land regenten, zouden 't in deese omstandigheid langer hebben kunnen uithouden, enten min„ „sten hunne uitterste poogingen hebben aangewend om 't zoo lang moogelijk uitte houden Jntusschen zoude 't volk, en in sonder heid de meer en meer afneemende duijkers, die van deese verplig„ ting gaarne ontslaegen zouden weesen, ligtelijk ver„ loopen, de Regeering van den Niebab de hand krijgen in de bestieving der Parruas, en bij de groote schulden die dit volk maekte op reekening van de geheele na„ tie, om daar na weeder geliquideerd te worden, en bij de onmooglijkheid om deselve van de zig zelven geruineerd dat hebbende
English
from having them collected from the Parruas, of which one case already occurred during the writing of this: they would have to be advanced by the Company, or they would have to endure executions in their villages that would overthrow all our rights. Moreover, besides the loss of its share in the chank diving, the Company would have fallen into a difficult dispute with the Nabab, who, willing to hear of nothing else but money, would certainly either have forced us to grant the requests of the Parruas or to compensate for the damage in the chank diving and pearl fishery, just as the Nabab's agent Mr. Belchanan declared upon his arrival here, having come with the intention to propose to us to restore the affairs of the Parauas to their former state, if he had not found that such measures had been taken by us in which he could acquiesce. As long as I considered the case of the Perruas in the abstract, it seemed impossible to me to be able to accommodate them, but after I had weighed all the circumstances in combination, it appeared very clear to me that, without throwing all our interests on this coast into the uttermost confusion and rendering them almost irreparable, nothing else remained but to accommodate the Paerruas for the present; and when I had arrived at this understanding, I thought that it would have been irresponsible of me to delay any longer in a matter that could at all times be rectified by Your Right Honourable Sirs. I was all the more confirmed in this because not only on this coast the most unprecedented promises are frequently made to the fled inhabitants in order to calm them, which are broken at the first opportunity, but also because during the numerous riots in our fatherland, the governments, when they found themselves unable to bring the people to reason through immediate force, rather decided to grant the most absurd demands of the people for a time than to see everything fall into the uttermost confusion. Amid many such sad occurrences, the governments have often had to decide to abolish all collections of duties, without which no country can exist. In the year 1747, the government of Rotterdam found itself compelled to publicly make known that all offices would be sold publicly and every buyer have the freedom to let his purchased office be administered by whomever he saw fit; and even recently, in 1783, the government of Arnhem, which instead of a churchyard within the city that was sold had a new churchyard laid out outside the city and admonished the inhabitants by a notice to bury their corpses there, was compelled by the outrages of the common people to withdraw the aforementioned notice, after which the same government even saw fit patiently to tolerate that a corpse, which had been buried by them in the new churchyard by the strong arm of the law, was dug up by the mob and reburied within the city to the tolling of bells, while the walls of the churchyard were pulled down and the gate was brought inside as if in triumph. All this moved me to bring the matter to the deliberation of the Council, which understood with me that there was no time to lose and on that account resolved with me to accommodate the Parruas, and thus to promise them that we would admit no Parruas into our church community, and that we would dismiss from it those who were already in it. We took care, moreover, for the newly reformed, who were sent to Paleamkotte and who have since returned at the further request of the Parauas upon the assurance that they would be molested by no one. In this manner peace has been restored, and everything required from our side for the inspection of the pearl banks was made ready before the Nabab was ready on his side: for when our four thonies were sufficiently ready, it turned out that the four thonies sent for the account of the Nabab for the inspection could not serve for that purpose, and that also among the two thonies which the native ruler of the Parruas had caused to be impressed from Tuticorin, one was entirely unfit. About the latter case, as appears from the general letter of 2 November, I had complained to the Nabab's agent Mr. Buchanan, who by letter of 21 November declared to have found that this violent
Dutch transcription
van hebbende Parruas ingevorderd te krijgen, waar onder 't schrijven deeses reeds een geval voorkomt:/ door de komp: moeten worden voorgeschooten, of, deselve zouden moeten dulden exekutien in haare dorpen die alle onze regten zouden om verwerpen. De komp: zoude daar tjankgos en booven bij 't gemis van haar aandeel in de srtten duijkerij nog in een moeijelijke twrist zijn gekoomen met den Nabab, die van niets anders eels van geld willende hooren, ons voor zeeker of, zoude gedronge, heb„ ben om in der Parruas verzoeken te bewilligen of tot vergoeding van de schaeade in de sjankoos duijkerij en paarvisserij, zoo als s Nababs agent de heer Bel„ chanan bij zijne komst alhier verklaarde, met 't oog„ „merk te zijn gekoomen, om ons voortestellen, om de zae„ „ken der Parauas in den voorigen staat te herstellen, in dien bij niet had gevonden dat door ons zulke matreep „len waeren genoomen, waar in hij berusten konde zoo lang ik de zaak der Perruas in abstaakte beschor „de kwam 't mij onmooglijk voor hen ten wille te kun„ „nen weesen, maar na dat ik alle omstandigheeden gekombineerd had overwoogen kwam 't mij zeer duide lijk voor dat er zonder alle onze belangen op deese kust en de uitterste verwarring te brengen, en bij na onherstel baer te maaken, niets anders overbleef als de Paerru„ „as voor't tegenwoordige ten wille te weesen en toen ik tot dit begaep gekoomen was, meende ik dat 't onver„ andwoordelijk van mij zoude geweest zijn om langer te draelen in een zaak die ten allen tijde door uwelEd: groot agtb: konde worden hersteld. Jk wierd hier in te meer bevestigd wijl niet alleen op deese kust meermael den uitgeweekene inwoonders, om hun tot rust te brengen de ongehoorste beloften gedaan wor„ „den die bij de eerste geleegendheid verbrooken worden, maer ook weil in de veel vuldige op roeren in ons vaderland de Regeeringen Wanneer zij zich buiten staat bevon„ „den om 't volk door een oogen blikkelijk geweld tot rede te brengen liever hebben beslooten om de ongerijmste eijsschen van 't volk: voor een teid in te willigen, dan alles tot de uitterste verwarringen te sien koomen onder veel zulke droevige gebrurtenissen hebben de Regeringe„ menigmaal moeten besluiten om alle in vorderingen van gevectigheeden zonder welke geen land bestaan kan, opte heffen In 't Jaar 1747. vond de Regeering van Rotterdam zich genoodzaekt om openlijk te laeten baer afhondigen af kondigen dat alle ampten publiek zouden worden verkogt en elk koper de vreiheid hebben om zein ge„ hogt ampt te laaten waernemen door dien hij zoude goed vinden en nog kortelingen 1783. was de Regeering van Arm hem die in steede van een kerkhof binnen de stad, 't welk verkogt wierd een nieuw kerkhof„ buiten de stad had laeten aan leggen, en de in geze„ „tenen bij een biljet vermaand, om hunne lijken daar op te begraeven, om de baldadigheden van 't gemeen genoodzaakt 't voormelde biljet in te trelken waar na dezelve Regeering nog goedvond met gedeeld te verdraagen dat een lijk 't welk door deselve op 't nieuw kerkhof, met de sterke hand was begraave, door 't gemeen wierd opgegraeven en onder 't geluij van klekken op nieuw binnen de stad begraaven, terweil de muuren van 't kerk hof, om vergehaald en 't hek als in truimph wierd na binnen gebragt. Dit alles bewoog mij om de zaak te brengen ter deliberatsie van den Raad die met mij begreep dat er geen tijd te verliesen was en uit dien hoofde met mij besloot om de Parruas ten wille te beweesen, en hen dus te belooven, dat wij geen Parruas tot onze kork gemeenschap zouden deca„ neemen, en dat wij de geenen die er reets waeren, daer uit zouden ontslaen. wij droegen daar bij zorg voor de nieuw gereformeerden, die na Paleamkotte zijn gezonden en die sedert op 't nader verzoek der Paraucs zijn te rugge gekomen op de versekering, dat zij door niemand zouden worden vermoegelijke op deese wijse is de rust hersteld, en alles 't geen tot de visitaatsie der paaalbanken van onze zijde nodig was in gereedheid gebragt voor dat de Nabab van zijne zijde ingereedheid was: want toen onse vier tonies genorgsaem gereed waeren, bleek 't dat de vica tonies die voor reek. van den Naebab gesonden waeren, tot de visitatsie, daar toe niet konden die„ „nen en dat ook onder de twee tonies, die de Landregent van de Parruas van wiaan de patnam had laeten, pressen een ten eenemael on bekwaam was. over 't laeste geval had ik blijkens de gemeene brief van den 2=e November geklaayd aen S: Nababsagent den Heer Buchanan, die bij brief van den 21:' No„ „vember verklaerde gevonden te hebben dit deese gewel„ geen dige
English
urgent pressing was in accordance with previous treatments, and must the privileges of the Honourable Company anew be confirmed by the latest treaty, in which declaration I think that we may rest. Mr. Buchanan requested, by the aforementioned letter, to assist him with four thonies for the service of the Nabob, wherein I found no difficulty, having promised the same to him by letter of the 23rd thereafter, and by letter of the 28th thereafter communicated to Mr. Buchanan that the four thonies of the Company and the four thonies that he had requested for the service of the Nabob, and everything further that was necessary, had been prepared to begin the inspection of the pearl banks, for which communication Mr. Buchanan, by a friendly letter of the same date, gave thanks, as well as for the assistance shown on this occasion on the part of the Company, and under assurance that this would place him more in a position to promote the interests of the Company. We are now, regarding this matter, freed from difficulties with the Nabob, for which we had to fear. The loss of twenty-two days which the sjandoos farmer suffered through the revolt of the Parruas remains thus the only difficulty which this revolt has left behind, and if the fishery turns out reasonably well for the rest, the farmer will easily be satisfied. Although the matter of the Parruas is provisionally settled, I have nonetheless made the answer of Your Right Honourable to the petition of the Parruas known to the chiefs, but also only to the chiefs in order not to disturb the restored peace again. The bark De Hervatting came to anchor before Kaelpatnam and, being compelled through lack of provisions, disembarked the Malays, who came ashore between Wiraendepatnam and Allandale, after which the bark stood out to sea and has not been heard from until now; and although peace is presently restored, I shall nevertheless, according to Your Right Honourable's permission, keep these people here for a short time, since indulgence in times of commotion causes the courage of the rebellious people to grow and often to forge new plots. Destitute of sloops, I have been unable to comply with Your Right Honourable's orders for the return of the still sickly minister Meijer and the other actual servants, but since the purpose for which this order was given now seems to have lapsed since the matter of the Parruas has been settled, and at least the return of the ecclesiastics is now not so urgent, I request to be provided with Your Right Honourable's further orders as to whether all church servants, notwithstanding the restored peace, must be sent back, and whether the two schoolmasters appointed here must also be dismissed, and thus the propagation of our religion discontinued. The Reverend Minister Meijer stood ready to depart for Manapaar in order to baptize at their request a multitude of heathens who have had themselves instructed, but I requested him to leave the state of indigenous Christianity on the footing where it presently finds itself until the further order of Your Right Honourable, in order not to render the decisions of Your Right Honourable unexecutable. The Reverend Minister Meijer, upon his return to Kolombo, will give Your Right Honourable a full report of the state of Christianity here, and I take the liberty merely to add hereto that the Parruas, having nothing in common with the heathens themselves, gladly like to see that they go over to our Lord, and that since the unreasonable land regent never ceases to chicaner us even in our greatest rights, it is not impossible that he might also at times seek to cause us some grief concerning the new Christians; but for the rest, I cannot think that we could come into dispute about that with the Nabob, who gives freedom of conscience in his entire country, there being presently not a single place of any importance wherein a Protestant church and congregation is not found. The heathens who have come over to us are indeed mostly common people, but there are also those among them who, according to their manner, are very decent people, of whom one may in good faith believe that they have embraced our doctrine out of conviction and without any self-interest, and among whom people are presently already found who can act as schoolmasters. I am continually busy to get the debt of the land regent settled, and shall further employ all possible means thereto. Regarding the reduction of the fineness of the fanums, I have spoken further with the mintmaster Dammann, and he is of the opinion with me that the fanums could be reduced by two percent without causing notice, yet that since it is only a matter of not causing the Company to lose in the coining, it would be still safer to reduce the same at first by only one percent, in which case no one will be able to notice it, and whereby the Company will gain half a percent, while if it is judged necessary, the fanums can later be reduced more easily by another percent. I request to obtain Your Right Honourable's approval on this, since all the gold is presently minted and coining of fanums must be started in order not to become embarrassed. I have the honour to remain with all respect and fidelity, Right Honourable High-Commanding Lord, Your Right Honourable's humble and faithful servant, signed, M: Melchern, in the margin: Tutucorin, the 3rd of December 1789. Agreed. Hybrands
Dutch transcription
dige pressing was staendig met de voorige gebal„ „ken, en moet de pruvelaken van de Edele komp: op nieuw bevestigd bij 't Jongste taacktaet, in welke verklaering in denke dat wij hunnen berusten De heea Buchanan verzogt bij den even van melden brief, om hem te dissisteeren met vier tonies ten dienste van den Nabab waerin ik geen zwaerigheid vinden de 't zelve bij brief van den 23. daar aen heb toegesegt en bij brief van den 28. daar aen den heer Buchanan bedeeld dat de vica tonies van de komp. en de vier to„ „nies die hij ten dienste van den Nabab had ve „sogt, en al 't geen verder nodig was ingereed hee was gebragt om de visitatsee der paualbo ken te beginnen voor welke bedeeling de heer Buchanan bij een vrindelijken breef, van den zelven datum bedankte als meede voor de assi„ tentsie bij deese geleegendheid van de Zeide van de komp: beweesen en onder verseekering dat dit hem meer in staad zoude stellen om de belan„ „gen van de komp: te bevorderen wij zijn nu ten belange van dit stuk bevreijd van moeijelijk heeden met den Nabab waar voor we hebben moeten vreesen 't verlies van twee en twintig dagen 't geen de sJan hoos pachter, door den op roer der paaruas geleeden heeft, blijft dus nog de eenige zwarigheid, die deeze oprock heeft agter gelaaten en wanneer de visscherij voor 't vrrige lamelijk uit valt zal de pachter ligt te vreeden worden gesteld Schoon nu de zaak der parauas bij provisie beslegt s hebik egter 'tandwoord van uwel Ed: Groot Agtb: op 't request der parruas aan de hooschen bekend gemaakt doehook maar alleen aan de hoefelen ende herstelde rust niet weder te stooven. De baak de hervatting is voor kaelpatnam ter houw ge„ koomen om door gebrek aan provisien genoodzaakt geweest de Malaijers te ontscheepen die tusschen Wiraen de patniam en Allandale zijn aan de wal gekoomen waar na de baak is na zee gestooken en tot hier den toe niet weder vernomen en schoon de rust tans hersteld is zal ik echter volgens uwel Ed: Groot Agtb: verlos, dit volk een horten teid hier houden wijl toegeefslijkheid in tijden van opschudding dit den den moed van 't oproerig volk doet groeien en dikwrls nieuwe ontwerpen Smeeden. Ontblont van sloepen ben ik buijten staat geweest om te voldoen aan uw Ed. Groot Agtb: beveele tot te rug zending van den nog ziekelijken predikant Mijer en de verdere werkelijke bedienden maar vermits't oog meak waerom dit bevel gegeeven is nu de zaak ter parauas geslegt is scheind vervallen te zijn en ten minsten de terug zen „ding der herkelijken nu niet zo zeer presseerd verzoe„ „ke ik met uwel Ed: Groot Agtb: nadere beveelen te worden voorzien of alle de kerkelijke bedienden niet tegenstaande de hestelde ruste moeten worden te rugge gesonden en of, ook de hier aangestelde twee school meesters moeten worden afgedankt en dus de voortplanting van onsen Gods dienst gestaakt De Heer Predikant Meijer stond gereed om na Manapaaa te vertrekken ten einde een meenigte van heiden en die zig hebben laaten onderweizen op hun verlangen te doopen maar ik heb hem verzogt om tot de nadere ordre van uwelEd: Groot Agtb: de staat van 't in„ „landes Christen dom te laeten op den voet waar ist Zigtans bevind, ten einde de besluiten van uwel Ed: Groot Agtb: niet onnui't voerlijk te maeken. De heer Predikant Meijer zal bij zijn te rugge komst te kolom bo uwel Ed: Groot: Agtb: een volleedige berigt van den slaat van 't chaistendom alhier geeven en ik neeme de vaeiheid hier bij alleen te voegen dat de parruas niets gemeens hebbende met de heidenen zelve gaarne moogen zien dat zij tot onze heer overgaan en dat daar de onreedelijke land, be „legent nimmer op houd om ons zelfs in onse grootste rech„ „ten Chikaneeren 't niet onmoogelijk is dat hij ook zom teids ten belange van de nieuwe Christenen ons eenig verdrict zal zoeken aan te doen maar voor het overige kan ik niet den ken dat we daar over in twist komen kunnen met den salbab die in zijn geheele Land geeft vreiheid van geweeten, zijnde er tans geen Enkele plaats van henig aan belang waar in geen protestant„ „sen kerk en gemeente wordt gevonden. De heidenen die tot ons zijn overgekoomen, zijn werkelijk meerendeel „gemeene minschen maar daar zijn er ook onder die na hunne weise heel ordentelijk menschen zijn van wien men ter goeder trouw mag gelooven dat ze onse leer uit overtuiging en zonder eenige belang Agtb: hebben Nage zijn Antreek: hebben aangenoomen en waar onder tans reets mensche gevonelen worden die voor schoolmeester kunnen ageeren. Ik bekonop houdelijk besig om de schuld van de landregend vereffend te krijgen en zal verder daar toe alle mogelijke middelen in het werk Stellend. Over de verlaging van 't gehalte van de fa„ uums heb ik nader gesprooken met den munt„ meester Dammann en hij is met mij van ge„ „voelen dat de fanums twee percent zouden kunnen worden vermindert zonder op zigt te geeven doch dat vermits het alleen maar te doen is om de kompenie bij de vermunting niet te doen verliesen het, nog veiligen zoude weesen om de„ selve eerst maar een percent te verminderen in welk geval het niemand zal kunnen merken, en wanneer de komp: een half, p=r C=t zal winnen, ter„ „wijl wanneer 't nodig geoordeeld word: de fa„ Vlijklerk „nums naderhand te ligter met nog een precent zal kunnen verminderd worden. Ik verzoeke hier op uwelEd: Groot Agtb: goedvinden te mogen erlangen wijl al 't goud tans vermunt is en met 't munten van fanums zal moeten worden begonnen om niet verleegen te raaken. Ik heb de Eere met alle eerbied en trouwe te blijven /:onderstond:/ Wel Edele Groot Agtb: Hoog Gebiedende heer uwer Wel Edele Groot Agtb: onderdanige en ge„ trouwe Dienaar /:was geteekend:/ M: Mlchern, /:in margine:/ Pitukorijn den 3. December 1789. Akkondaent. Hijbrands nums Ns G
English
Ceilon To the Right Honorable and Highly Esteemed Lord Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Council of the Dutch East Indies, Governor and Director of the said Island, on the Coast of Madure, Inchiade, etc., etc. Together with The Council At Colombo. Noble, Honorable, Valiant, Wise, Prudent, Very Discreet, We have the honor to let this serve to accompany a copy of a letter from the Bengal Ministry received today, together with a notarial Examined. Antru jr. declaration, from which Your Right Honorable and Highly Esteemed Self, along with us, will learn with very great astonishment of the arrival of a private Dutch vessel in the Ganges. We shall issue the necessary orders here to arrest that [illegible], should he happen to appear here on the coast. We have the honor to remain with all high esteem, [below was written:] Noble, Honorable, Valiant, Wise, Prudent, Very Discreet, Your Right Honorable and Highly Esteemed Self's humble and obedient servants, [it was signed:] N. Fadeina, M. Strffenberg, W. H. G. van Bijland, B.s Brruwer, and J. J. De Baass. [in the margin:] Pallaa-Catta in Castle Galdria, 24 March 1789. DEgreerk Hijbrands Agreed. Kolombo To the Right Honorable and Highly Esteemed Lord Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Council of the Dutch East Indies, Governor and Director of the Island of Ceelon with its dependencies. Right Honorable and Highly Esteemed, High-commanding Lord, In accordance with Your Right Honorable and Highly Esteemed Self's order, conveyed in Your highly respected letter of 23 of this month, I shall send the former farmer of the oeliammers by water under secure custody to that destination. While I profess to be with all respect, [below was written:] Right Honorable and Highly Esteemed, High-commanding Lord, Your Right Honorable and Highly Esteemed Self's humble and obedient servant, [it was signed:] B. J. Raket. [in the margin:] Jassenapatnam, 30 April 1789. To the same as before. When the sub-lieutenant of the regiment of Meuron Mattheij has been brought here under military arrest from Trinskonomale, we shall deal with him as Your Right Honorable and Highly Esteemed Self was pleased to order us in Your much honored letter of 13 of this month. We profess further to be with all sentiments of high esteem, [below was written:] as before, [it was signed:] B. J. Raket, C. F. Schreuder, G. Morijaart, and W. D. Bodenschatz. [in the margin:] Jassenapatnam, 28 May 1789. In respectful reply to Your Right Honorable and Highly Esteemed Self's highly honored letter of 10 of this month, this serves to state that I have given communication to the Honorable van Senden of the news that was on the coast regarding the French intentions around Trinconomale, and ordered the Honorable Nagel to place people who could look out for ships coming from the coast going to the South, and seeing such, to provide prompt notice both here and to Trinconomale, as his honor, lying between Jassena and Trin Conomale, had the best opportunity to devise the necessary measures regarding that matter. Further, that I, What was ordered by Your Right Honorable and Highly Esteemed Self in Your highly honored letter of 19 June of the past year concerning the now again To the Honorable van Senden I have not sent a letter from the gentleman Scheineman, but rather the report itself that his honor had sent to me, and I shall in future also deliver to his honor all the reports that Mr. Scheuneman sends to me, with which respectful communication I have the high honor to be with due respect, [below was written:] and [signed:] as before. [in the margin:] Jaffenapatnam, 9 July 1789. although I have already requested the Honorable Scheuneman to provide me with further report regarding this, will nevertheless request him again not only to provide me with certain report thereof, but also to spare no expense in discovering and tracing the true intentions of the French, as these expenses will be reimbursed to him. I have the high honor to be with all respect, [below was written:] as before, [it was signed:] B. J. Raket. [in the margin:] Jassenapatnam, 18 June 1789.
Dutch transcription
Ceilon Aan den Wel Edelen Groot Agtbaaren Heer Willem Jacob van de Graaff, Raad ordinair van Nederlands India Gouverneur en Directeur des gemelde Eilands ter kuste Madure Inchiade &a. &m. Nevens Den Raad Te Colombo. Edele Ernfeste Manhafte Wijze, voorzienige, zeer Discreete Wij hebben de eer deeze te laaten dienen ten geleijde van een Copia brief van het Bengaalse ministerie heden ontfangen, annex eene notari„ „eele Nagezien. Antru jr: eele verklaaring, waar uit uwelEd= Groot Achtb nevens ons met zeer veel verwondering zullen ver„ neemen de komst van een partikulier Holland scheepje in de Gainggh. Wij zullen hier de nodige ordres stellen om dien Lokrendrager te arresteeren, zoo hij hier ter kuste mogten koomen te verscheinen Wy hebben de eer met alle hoogagting te verblijven /:onderstond:/ Edele Erntfeste Manhafte wijze voorzienige zeer diskreete, uwel Ed Groot Agtb onderdanige en gehoorzaame Dienaaren /:was ge„ „teekend:/ N: Fadeina, M. Strffenberg, w: H: G: van Bijland, B:s Brruwer en J: J: De Baass /:in margine /: Pallaa„ „Catta int kasteel Galdria den 24:' Maart 17039. DEgreerk Hijbrands Akkoudeert. Kolombo Aan den welEd: Groot Achtb. Heer! Willem Jacob van de Graaff Raad ordenair van nederlands Jndia gouver„ neur en directeur van het Eiland Ceelon met dies onderhoorigheiden. Wel Edele Groot Achtbaare Hoog gebiedende Heer Ingevolge uwer wel Ed: Gestr: Groot Agtb: last, bij hoogst derzelver hoog gerespecteer„ „de schrijven van den 23:' deeser, zal ik den geweezen pagter der oeliammers, ovor water in goede verzeekering naar derwaards zenden. Terwijl ik mij met alle ontsag noem /onder„ „stond:/ wel Edele groot Achtbaare Hoog gebiedende heer? uwer wel Ed: Groot Achtb: onderdanigen en gehoorzaamen Dienaar /:was„ geteekend:/ B: J: Raket /:in margine:/ Jassena„ patnam Den 30:' April 1789. — Aan als vooren Als Aan als vooren. Aan als vooren. Als den sous luitenant van het regiment van Meuron Mattheij in militaire arrest van Trins„ „konomale alhier zal zijn aangebragt, zullen wij met hem zoodanig handelen, als uwer welEd: Groot Achtb: ons bij zeer g'eerde missive van den 13:' deezer heeft gelieven te ordonneeren. wij betuigens overigens te zijn met alle gevoelens van hoog agting /:onderstond. / als vooren :/ was geteeken„ B: J: Raket, C: f: Schreuder, G: Morijaart en W: D: Bodenschatz: /: in margine/ Jascena patnam den 28:' Maij 1789. —. In eerbiedig antwoond op uwerwelEd: Groot Achtb. hoog g:eerde schrijven van den 10:' deezer diene, dat ik aan den E: van Senden Communicatie heb gegeeven van de tijding die op de kust was, nopens 't voorneemen der franschen omtrend Trinconomale, en aan den E: Nagel gelast, ommenschen te stellen die uitzien konden, na de scheepen die van de kust koomende, na de Zuid gingen, en zulx ziende, zoo hier als te Trinconomale, spoedig berigt bezorgen, wijl zijn E de beste geleegendheid Aan als vooren als tusschen Jassena en Trin Conomale leg„ „gende, had, om daar, omtrend de nodige maatreegelen te beramen. voorts dat ik, Het aangeschreeve door uw Wele Edele Groot Achtb: bij hoogst derzelver hoog g'eerde schrijven van den 19:' Junij J:o L:, nopens den thans weder Aan den E: van senden heb ik geene brief van den hier scheineman, maar wel het berigt zelve dat zijn E: aan mij toegezonden had, toe„ geschikt, en ik zal in den aanstaande ook aan zijn E: bezorgen. alle de beregten die den heer scheuneman aan mi zend, met welk Eeabee„ dige Communicatie, Ik de hooge eere heb„ van met verschuldigde ontzag te zijn /:onder„ stond:/ en /:geteekend:/ als vooren /:inmargiee Jaffenapatnam den 9. Julij 1789. — schoon ik bereets aan den E: scheuneman verzogt heb, om mij nader berigt dien aangaande te bezorgen, nogtans weeder verzoekken zal, om mij niet al„ leen seeker berigt daar van tebezorgen, maar ook ter ontdekking en naspeuring van der fran„ „schen waare meening geene kosten te spaeren, alzoo, die aan hem weder zullen gegeven worden. Ik heb de hooge eere van met allen ontzagte zyn /:onderstond:/ als vooren /:was geteekend:/ B: J. Ra„ „ket /:in margine:/ Jassenapatnam den 18. Junij 1789 schoon dit —