Inventory 10027
Ceylon · 494 pages · 137 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
had sent to Tutukorijn to pay a compliment to the chief, stating that we had never lived in a state of dependence under either the Heathen or the Moorish Government, and that I did not believe that any Power in India could prove the validity of its possessions as well as we could. Finally, I also added that I could hardly imagine that the English nation, which was currently in possession of a large part of Indostan, would wish to call into question the rights and privileges which we, after expelling the Portuguese, had possessed and exercised on this coast without being disturbed therein under the Heathen and Moorish Governments. Mr. Torin said that all this would indeed present no difficulty. The Government of Madras seemed to have the best disposition to maintain us in the rights and privileges that actually belonged to us; but we exercised rights that were incompatible with the dignity of the Nabob and his allies. That the Nabob and the English should not be permitted to transport a single piece of linen from this coast without permission from the Dutch was far too intolerable a matter, which could no longer take place at present. The English, as representing the Nabob, could certainly have no lesser privileges in this country than we. Mr. Torin asked further what proofs we could produce for these privileges. To this I replied that the privilege of exclusive trade had been stipulated in a treaty with the ancient princes of Madure, of which the original had been shown to Mr. Buchanan, and copies had also been delivered to him. Our conversation having ended this far, I pointed out to Mr. Torin that he had not yet answered me, as he had promised, concerning several complaints I had made to him: that meanwhile at Manapaar several matters had been settled by the Manigaar with the Residents, but that there still remained unresolved the complaint of the washers regarding some paddy that had been taken from them by the previous Manigaar Pietchandi Settij, and the complaint of the carpenters at Tutukorijn, who, after having been innocently arrested and beaten, were now still being demanded to pay a fine. Mr. Torin told me that, regarding the complaint of the washers, the circumstances had slipped his mind, but that he would need fully an hour to explain all the circumstances to me and give some understanding of the matter, which was so embroiled that he had found it difficult to judge it; and that regarding the carpenters, whom the Manigaar said he had rightly arrested and punished while we asserted the contrary, he could not answer upon that until the disputes concerning the jurisdiction over these people had been settled once and for all; that he had given such orders that he hoped such complaints would no longer occur, but that he would nonetheless write further to the Manigaar concerning what had been demanded from the carpenters; and since Mr. Torin has privately promised me that as long as the matter concerning the jurisdiction of the inhabitants of Tutukorijn—about which we have spoken exclusively thus far—shall not have been regulated by the governments, he would make no change in the customs that had taken place until now, I have also thought it best to let the matter rest here for the present. The Residents at Manapaar have informed me that Mr. Torin has shipped forty packages of linen at Kollesegerepatnam under the name of waddekas sample, being a kind of mooris which our Company uses and which is mostly transported to the Mallabaar; that the same supervision has been maintained over the shipment of this linen as over all other linens exported by private individuals, so that Mr. Torin has enjoyed no other privilege in this matter than being placed on an equal footing with the merchants of Mallabaar and other traders who annually come to buy a lot of linen at Kollesegerepatnam. We are only instructed not to demand from Mr. Torin the shipping fee which is collected from these private traders for the benefit of the servants. I have the honour to remain with all respect and fidelity. Below stood: as above. Was signed: M: Mekern. In margin: Tutukorijn, the 9th of March 1791. I have had the honour to receive your Right Honourable Highly Esteemed separate and secret letters of the 10th and 19th of this month and shall let the recommendations therein serve for my instruction. In order to be able to comply with your Right Honourable's order to provide a report on the report of the Visiteur General Neun, and especially concerning the indication made therein of the calculation of a certain ten thousand rupees in the year 1727/0, I request that at the earliest opportunity there may be sent hither the trade books of Tutukorijn of the aforesaid financial year 1727/0 as well as of the year 1766/9 with the monthly cash accounts, in order to be able to trace thereby for what payment the alleged ten thousand rupees were used and in what manner the payment was made, and whether in the books also afterwards
Dutch transcription
nister te Tutukorijn had gesonden; om een kompliment bij 't opperhoofd afteleggen, dat wij noch noder de Heijdensche noch onder de Moorsche Regeering immer in een staat van afhankelijkheid hadden geleeft, en dat ik niet geloofden dat eenige Mogentheid „zijne in Jndien de deugdzaemheijd van „ bezittingen, zo goed konde bewijzen, als wij Eijndelijk voegde ik er nog bij dat ik mij kwalijk zoude kunnen ver„ beelden, dat de Engelsche naatste naatsie die tans in 't bezit was van een groot deel vanden Jndostan, in twijffel zoude willen trekken de rechten en privilesien, die wij na het verdrijven van de portigeesen op deese kust bezeeten en geoeffent hadden, zonder daar in onder de Heyjden sch en Moorsche Regeering te zijn gestoort. Dit alles zeijde de heer Torin zoude wel geen zwaa righeijd hebben. Het Gouvernement van Madras scheen de beste disposietsie te hebben, om ons te maintineeren bij de rechten en previlesien die ons werkelijk toekwamen; maar wij Hier meede onze konversaatsie tot dus verre afgeloopen zijnde, vertoonende ik aan den Heer Torin, dat hij mij nog niet had ge- oeppenden rechten, die onbestaanbaar waaren met de waardigheid van den Nabab en zijne geal„ lieerden. Dat de Nabab en de Engelschen, geen „moogen stuk lijnwaat van deeze kust zouden „ vervoeren zonder verlof van de Hollanders was een al te onverdaagelijke zaak, die tans geen plaats meer konde hebben. De Engelschen als represen„ teeren den Nabab, konde welgeen minder prevelesien in dit land hebbende, dan wij wae„ gende de heer Torin wijders, welke bewijzen wij voor dit previlesien konden voorbrengen Hier op antwoorde ik, dat 't previlesien van den exclusiven handel bedongen was bij een traktaal met de oude vorsten van Madure waar van 't origineel aan den heer Bucha„ nan was vertoont, en tevens kopijen aan hem afge„ geeven. oe ffenden antwoord. zo als hi beloofd had, op verscheyjdene klugten die ik hem had gedaan: Dat intuschen se Manapaar Verschijdene zaaken door den Ma„ nigaar met de Residenten gezegeld waaren; maar dat 'er nog onafgedaan bleef, de klagte van de Wasschers, over eenige nelie, die hen door den voorigen Manigaar Pietchandi Settij was afgenoomen, ende klagte van de timmer„ lieden te Tutukorijn, die na onschuldig ge- arresteerde en geslagen te weesen, nu nog aange„ sprooken wierden om een boete: De heer Prin zijde mij dat, wat de klagte van de wasschers betrof, de omstandigheeden hem ontgaan naam maar dat hij wel een uur zoude nodig heb„ ben mij al omstandigheden te verklaaren, en eenig begrip van de zaak te geeven, die zodanig ge„ embrouilleerd was, dat hij zich bezwaard had gevonden am er over te jugeeren en dat wat betrof de timmerlieden die de mani„ gaar zeyjde meet recht te hebben ge-arreste en gestraft terwgjl wij het tegendeel benoer„ den, hij daar op niet konde antwoorden voor dat da geschillen over de junsdiksie van dit volk eenmaal waaren afgedaan; dit hij zul„ ke ordres had gesteld, dat hij hoopte, dat er zulke klagte niet meer voorkoomen, maar dat hij echter overde, die van de timmerlieden was gevorderd, nog nader aan den Manigaar zoude schrijven, en wijl de heer Torin mij daer bij in 't partukilier heeft beloofd dat tot zo lange de zaak over de Jurisdiksie van de inwoon„ ders van tutukorijn; waar over we tot nu toe gesprooken alleen „ hebben, door de gouvernementen zoude weesen gereguleerd, hij geen verandering zou„ de maeken in de gebruijken, die tot nu toe hadden plaats gehad heb ik ook bestgedagt om het voorss eerst hier bij te laaten. De Residenten te manapaar, hebben mij kennis gegeeven dat de heer Torin Veertig lijnwaat pakken te kollese gerepatnam hadt afgescheep onder den naam van waddekas monster zijn„ de een soort van moeris waar van onze Voor kompenie a Aan als vooren gebruijk maakt en 't welk veel al word ver„ voerd na de Mallabaar; dat hij den afscheep van dit lijnnaat dezelve toezigd is gehouden als van alle andere lijnwaaten, die door parti kulieren worden uitgevoerd, zo dat de heer Porin „heeft in deeze geen ander voorrecht „ genoten als dat hyj is gelijk gesteld met de kooplieden van Mallabaar en andere handelaars die jaar„ lijks een partij lijnwaat te kollese gerepatnam koomen koopen Alleen hebben we de last om van den heer Torin niet te vorderen het afscheepgeld, t welk van deze partu„ kuliere handelaars ten behoeveven van de dienaaren wordt gevorderd. Ik heb de eere met alle eerbied en trouwe te blijven. /:onderstond:/ als vooren /was geteekend M: Mekern /in margine:/ Tutukorijn den 9:e Maart 1791. Jk heb de eer gehad te ontvangen uwel Edele Groot achtb: hoogs g:' eerde apparte en sekreete letteren van den 10:e en 19: deeser en zal het daar bij aanbevolene tot mijn naricht laaten strekken. om te kunnen voldoen aan uwel Edele groot achtb: bevel tot het geeven van bericht op het bericht van den heer visitateur generaal Neun, en speciaal nopen de daar bij gedane aanwijsing der bereekening van zekere tien„ duijsend ropijen in het jaar 17 27/0 versoek ik dat bij eerst gelegenheid mogen worden herwaards gesonden de negootsie boeken van Tatijukorijn van het voormelde boekjaar 17 27/0. als meede van het jaar 176 6/9 met de mandelijksche kassareekeningen om daar bij te kunnen nagaan tot welke betaaling de geallegeerde tienduijsend ropijen gebruijkt zijn en op welke weise de betaaling geschied is en of bij de boeken ook niet nader„ handt
English
at hand any redress has been made to the advantage or disadvantage, as without having first performed this examination, I do not find myself able to comply with full certainty with your Right Honourable's highly honoured order. Mr. Buchanan has sent to me, alongside his letter of the 7th of this month, a letter from the Nabob, whereby he requires that I should pay the questionable three thousand chakrams to Mr. Buchanan, who has at the same time requested me to deliver this money without further delay to his authorized agent in Palayamkottai; as your Right Honourable will see from the accompanying copies of letters from the Nabob and Mr. Buchanan. But since I have bound myself in writing to pay this money to banker Casienaden Taker, and I cannot release myself from this obligation, I answered Mr. Buchanan that I could do nothing in this matter without authorization, while in this time that the Nabob is removed from the government of his lands, his requisition would not justify me with the party, but that I would request the order of your Right Honourable, as I have the honour to do hereby, and specifically which answer I shall send to the Nabob, letting my answer to Mr. Buchanan also accompany this. For this reason, I have suspended the order received since then to offer the questionable three thousand chakrams to Mr. Torin, pending the further orders of your Right Honourable, and because I had already tried this remedy in vain at the beginning of this matter, as your Right Honourable will be able to see at length in the general letter of 20 November last. I have the honour to be with all respect and loyalty, /below stood/ as above /was signed/ M: Mekern /in the margin/ Tuticorin 31 March 1791. To as above The English superintendent at Tirunelveli, Mr. Torin, has sent to me, alongside his letter of the 15th of this month, a petition of the banker Kasinaden Taker presented to the Board of Revenue in Madras, whereby he requests their assistance to obtain the 3000 chakrams upon which attachment has been laid by Mr. Buchanan. Mr. Torin reports in his letter that the banker addressed himself to the government in Madras, but that he was by the same first referred to him. I have the honour to send to your Right Honourable copies of the letter from Mr. Torin and of the petition from the banker, with the answer which I have given thereto. After this was first written, I had the honour to receive via Mannar your Right Honourable's most honoured separate letter of the 10th of this month, and I shall leave the matter written to me regarding the aforementioned 3000 chakrams suspended until I shall have received further orders hereon from your Right Honourable, because the matter would be taken out of hand by the disbursement of the money, and because a prompt answer can arrive hereon now that all the sloops return to this coast at the end of this month or the beginning of the next month. The enclosed for the Honourable Mr. van Angelbeek I send back herewith, according to orders, because the letters brought with the Chinsurah and Colombo have been properly forwarded. I have the honour to offer to your Right Honourable herewith the required answer to the report of the Mr. Visitor-General Neun, and for the rest to remain with all respect and loyalty /below stood/ as above /was signed/ M: Mekern /in the margin/ Tuticorin 26 April 1791. Agrees Sybrands To as above I had the honour to receive your Right Honourable's most honoured separate letter of the 1st of this month, and in accordance with what was ordered therein, I have had the Brahmin Sri Sankarachari transferred to the ship Demerary, in order to depart therewith for Galle and subsequently for Batavia. According to your Right Honourable's order, he has two servants with him, but to send him off amicably I found myself obliged to provide him, merely for the journey to Galle, with a washerman and three lascars, whom I request may return as soon as possible. Furthermore, I attach hereto the account of the expenses which the said Brahmin has incurred here, which have increased greatly; because he had to be provided with clothes, which are rather expensive; because he, who previously lived solely on milk, has changed his way of life and consumes all kinds of foods and thus had to be provided with a variety of necessities for the table; and because, in order to comply with your Right Honourable's order to treat him as a man of stature and with kindness, I at the same time found myself obliged to accommodate his daily exorbitant demands to some extent. I have the honour to be with due respect and loyalty /below stood/ as above /was signed/ M: Mekern /in the margin/ Tuticorin 10 May 1791. Sybrands Agrees To as above In compliance with what was ordered in your Right Honourable's most honoured separate letter of the first of this month, I sent to Mr. Torin a copy of the letter from the Nabob regarding the questionable three thousand chakrams, and asked him whether the recommendation made therein by the Nabob can be complied with, or not. The letter from Mr. Torin of the 11th of this month written in answer hereto, I have the honour to offer herewith in original; your Right Honourable will see from it that Mr. Torin excuses himself from answering the posed questions, since all the papers with the necessary
Dutch transcription
„hand eenige redressen ten voodeele often nadele gemaakt zijn also ik zonder dit ondersoek al„ voorens te hebben gedaan, mij niet in staat bevind, om met volle zekerheijd aan uwel Edel groot achtb: hoog g'eerde bevel te kunnen volda De heer Buchanan heeft mij nevens zijn brief van den 7=e deeser toegesonden een brief van den Nabab, waar bij deselve requireerd dat ik de questieusie drie duisend spakkerons zoude be„ taalen aan den heer Buhanan die mij tevens heeft verzocht om dit geld zonder langer uitsel aan zijne volmagtin te Paleamkotte afteleg„ gen; zo als uwel Edele groot achtb: zal blijken bi de overgaande kopijen van brieven Nababden heer Buchanan Maar vermits ik mij Schr telijk verbond heb om dit geld aan Bankin Casienaden Taker te betaalen, en ik mij zelve van deese verbintenis niet kan ontslaan heb ik aan den heer buchanan geandwoord dat ik in deese zaak niets konde doen zonder autoriaatie, terwijl in deezen zijd dat de Nabab ontseld is van de regeering zijner lan„ den zijne requisietsie mij niet zoude justificee„ ren bij de partij maar dat ik de ordre van uwel Edele groot achtb: zoude vragen, zo als ik de eer heb bij deesen te doen en speciaal welk andwoord ik aan den Nabab zenden zal laatende mijn andwoord aan den heer Bucha, nan mede hiernevens gaan. Hier om heb ik het sedert ontvangen. bevel, om de questiensche drie duisent sjakkerons aan den heer Torin„ aantebieden, tot de nadere bevelen van uwel„ edele groot achtb: gesurcheerd en wijl ik in den beginnen van deese zaek dit middel reeds vrugteloos beprofd had zo als uwel Edele groot achtb: in het breede zal kunen zien bij den gemeenen brief van den 20 Navem„ „ber vleeden. Ik heb de eer met alle eerbied en trouwe te zijn sonden ofstokd/ als vooren /was geteekend/ M: Mekern /in margine/ Tutukorijn den 81. Maart 1791. de zonder inan P Aan als vooren De Engelsche superentitant te Fienevelli de heer Tovin heeft mij nevens zijn brief van den 15:e deeze toegezonden een request van den Bankier kasinaden Taker gepresteerd aan aan de vergadering van revenuen te Madma waarbij hij derselver assistentie verzoekt ten bekoming van de 3000. sjakkerons waarop door den heer Buchanan is arres gelegd. De heer Torin meld in zijn brief dat de bankier zig aan het gouvernement te Madras heeft geadresseert maar dat hij door het zelve eerst tot hem is overgeweesen. Ik heb de eer Uweledele Groot achtb: toe te zenden kopijen van den brief van den heer Porin en van het request van den bankier met het antwoord 't welk ik daar op heb gegeeven. Na dat deese rerst geschreeven was heb ik de eergehad over Manaar te ontvangen uwel„ Edele Groot Achtb: hoogst g'eerde apparte letteren van den 10:e dezer en zal het daar bij aanschree ve„ „ne met betrekking tot de voormelde 3000. sjakken ons uitgesteld laaten, tot ik hier op de nader ordre van Uweledele Groot Achtb: zal hebben onttfangen wijl de zaak door de uitbetaling van het geld buiten zijn ge„ heel zoude worden gebragt, en wijl hier op spoedig antwoord kan komen nu in 't laast van deese maand 'of 't begin van de andere maand alle de sloepen na deese kust te rug koeren De ingeslootene voor den Edelen heer van Angel„ beek zende ik hiernevens, volgen order te rug, wijl de brieffen met de Chunsura en kolombo aangebragt behoorlijk zijn voorgeschikt. Jk heb de eer uweledele groot Achtb: hier nevens aan te bieden 't requireerd antwoord op 't berigt van den heer Visitateur Generaal Neun en overigens met alle eerbied en trouwe te blijfven /:onderstond:/ als Vooren /:was geteekend:/ M: Mekern /:in margina:/ Tuttikorijn den 26. April 1791 A Akkordeert Sijbrands Edele Egalerk Aan als vooren Jk heb de eer gehad te ontvangen uwelEdele groot agtb: hoogst g'eerde aparte litteren rem den 1. deeser en heb volgens het daar bij aan bevolene den Bramin sri sanka Sarie op "het schip Demerarij laaten overbrengen, ten eijnde daar mede na Gale en vervol„ gens na Batavia te vertrekken. volgens uw elEdele groot agtb: bevel, heeft hij twee die naaren bij zich, maar om hem met goedheid weg te krijgen heb ik mij in de noodzaakelijkheijd gevonden, om hem enkel voor de wize na Gale mede te geeven, een Avraatje en drie laskorijns, die ik ver„ zoeke dat ten eersten mogen te rug koo„ men voorts voege ik hier bij de aanreekening van de on gelden die gemelde Bramin hier heeft gemaakt, die zeer vergroot zijn; door dien hij van klederen heeft moeten worden voorzien, die vrij kostbaat zijn door dien hij die te vooren enkel van melk leefde van levens wijze verandert is en alderlij eet waaren gebruijkt en dus van en pentij benedigheeden voor de tafel heeft moeten voorzien werden, en door dien ik, om te voldoen aan uwelEdele groot agtb: bevel, om hem als een man van aanzien en met goedheid te behandelen, mij terens in de nood„ „zaakelijk zaakelijkheijd heb bevonden, om hem in zijne dagelijksche buijtenspoorige eijsschen eeniger mate te gemoet te koo„ men. Jk heb de eer met verschuldigde eerbied en trouwe te zijn /:onderstend:/ als vooren /:was getekend:/ M: Mekern /:in margine:/ Tutukorijn den 10. Meij 1791. Hijbrands egkeerk Akkordeert Aan als Vooren Ter Voldoening van het aanbevolen bij uweledele Groot Achtbaare hoogst g'eerde aparte letteren van den eersten deeser heb ik aan den heer Torin toegezon„ den een kopij van den brief van den brief van den Nabab geweegens de questieuse drieduijzend sjakkerons, en hem gesraagd of aan de aanbewerling door den Nabab daar bij gedaan kan worden Voldaan, dan niet De brief van den Heer Torin van den 11=e deezer hier op in andwoord geschreeken heb ik de eer in origineel hier nevfens aantebieden uwel edele Groot Acht„ baare zal daar bij zien dat de Heer Torin zich Verschoond om op de Voorgestelde Vraagen te andwoorden vermits alle de papieren met de nodige
English
necessary information are now in the hands of the Board of Revenue, which will subsequently hand it over to the Government in order to obtain its judgment concerning the claims of the banker, which for Your Right Honourable Worships will presumably be more satisfactory than his opinion. From time to time, notice has been given to me by the merchants that the English Superintendent at Tirunelveli, Mr Torin, was buying up cotton everywhere in the weaver villages upcountry and having linens marked, and now I have received report that at Vaippar and Sippikulam, a village situated north of Vaippar, space is being prepared to store these linens and cotton and to transport them from there to the Coromandel Coast with vessels that are expected to arrive from Kayalpatnam. Since we have until now, for lack of money, been in the absolute impossibility of making any collection of linens, and since Your Right Honourable Worships in a secret letter of 10 March last recommended that as long as our Company remains in the present moneyless state, we should proceed regarding the private export of linens with the same authority as was recently done at Kulasekharapatnam, we shall find ourselves under the necessity of also having to permit the shipment of linens at Vaippar and Sippikulam, provided that a request is made for it in the same manner as occurred at Kulasekharapatnam, and the linens are subjected to our inspection in like manner. But since previously no linens were shipped at Vaippar and at Sippikulam, and we thus have not exercised there the right to inspect the linens, and it seems to me very probable that Mr Torin will maintain that he does not need our permission to transport linens from Vaippar and Sippikulam, nor needs to subject his linens to our inspection, I request that Your Right Honourable Worships may be pleased to issue direct orders whether, if Mr Torin ships and transports linens without our permission and inspection, we shall have to seize the same de facto, as I have provisionally ordered must happen if this case should occur before the receipt of further orders from Your Right Honourable Worships, as Your Right Honourable Worships will see by the memorandum which I left for the information of the Political Council and by the instructions which I issued to the commander of the cruising vessel, of both of which instructions I have the honour to attach copies herewith. Also, the First Resident of Kilakarai gave me notice that a private merchant of Madras had given a commission to the natives at Kilakarai to procure linens for one hundred thousand pagodas, for which the money would from time to time be provided by wealthy money-changers at Ramanathapuram. In order to check all these encroachments upon our rights, I found myself obliged to issue the recently received rupees to the merchants for the delivery of linen in the best possible manner, the sooner the better, though one and a half percent below the price set on them by Your Right Honourable Worships, because this small loss cannot outweigh the disadvantage that is caused to us by the long stagnation of trade through our interlopers. To as before. I have the honour with all respect and fidelity to be, lower stood, as before, was signed, M: Mekern, in margin, Tuticorin the 25th of May 1791. I have found myself honoured with the receipt of Your Right Honourable Worships' most esteemed secret letter of 16 June last, the contents of which I shall let serve for my dutiful guidance. Mr Torin, English Superintendent at Tirunelveli, gave me notice by a letter dated 27 June that six vessels lay ready at Vaippar to sail with linen, cotton, and chay-roots; that his people, fearful of some hindrances from our side, raised difficulties about departing without passes, but that His Honour could find no reasons whereby we could cause any harassment to these vessels; yet that His Honour nevertheless found it equitable to give me notice of their departure so that I might issue the necessary orders for their complete security. I simply answered Mr Torin that I had given orders to let the six vessels pass unhindered, with the request that His Honour be so good as to charge his people to let the linens that were shipped undergo the customary inspection, while I have ordered this inspection to be done with extraordinary decency in such a manner that the voyage of the vessels would not be hindered thereby. And since the crew of the vessels had insisted that they might be provided with passes, as appears from the translation of the Malabar report of the names of the six vessels and of what they have laden, which Mr Torin had transmitted along with his letter, I added six letters of licence for the same; but Mr Torin sent them back to me with a letter of 30 June, mentioning that His Honour could not understand that they were necessary; that His Honour, after the intimation
Dutch transcription
nodige informaatie tans sijn in handen van de Vergadering van relteneu welke detzelve Nirvol„ gens aan het Gouvernement zal overhanding om daar op der zelver Jugement wegens de presentse van den bankier te erlangen welke voor uwel Edele Groot Achtbaare vVermoedelyk meer Tol„ doende zal weesen dan zijne opinie van tijd tot tijd is my door de kooplieden kennis gegeeven, dat de Engelsch Siperintendant te Taem Velli de heer Torin over al in de Weerdorp boven in 't land kattoen op kogt en lijnaaten laat aenmerken en nu heb ik berigt ontvangen dat „ en sipe Colam in geheugt geleegen benoorden Baijnaar te Ppipaar„ plaets gemaakt word om deese lijnaaten en kattoen op te leggen en van daar na de kust kormandel te veroerren met haar „tuijgen die van kailpatnam staen te koomen vermits wi tot nu toe doorgebrek aangeld in de volstrekte onmogelijkheijd zijn geweest om eenige inzameling van lijnwaaten te doen en vermits uweledele groot Achtb: bij se kreete brief van den 10. Maart J:o Leeden heeft aenbevolen om zo lang onze kompenie in den present gelde loosen staat blijft verseeren omtrent den partukulieren tuitvoer van Lijn waaten met dezelfde gemag„ tigdheid te werk te gaan als onlangs geschied is te kollesegpatnam zo zullen wij ons in de noodzaaklijkheid bevinden om ook den af„ scheep van lijnnaaten te Baipaar en sipi„ „kolon te moeten toestaan indien daarom op gelijk weise als te kolle segerepatnam is „tuygen Geschied Geschied word versoek gedaan en de lynmaaten op gelijke weize aen onzze visitaetsie worden onderworpen maar vermits te voren te Baij„ paar en te sipikolon geen lijnwaaten zijn afschen en wy dus aldaar niet geooffend hebben 't recht om de lijnaaten te visiteeren en het mij Ieer waarschijnlijk voorkomt dat de heer Torin zal sustineeren, dat hij ons verlof tot het ver„ voeren Van lijwaaten van Baijpaar en Sipikall met nodig heeft in zijne lynwaaten aen onze visitatie, niet behoeft te onderwerpen versoek ik dat uweEedele groot Achtb: direkte beveelen gelieve te Verleenen of wij indien de heer Torin zonder ons Virlof en visitatie lynwaten afscheept vervoerd het zelve fictelijk zullen moeten aanhaelen zo als ik bij Voorraad heb aanbevoolen dat zal motte geschieden indien dit geval voor den ontfangst m UwelEd: groot Achtb: nader ordre zal voorkoomen zo als uwEd: groot Achtb: zal Ook heeft de eerste Resident van kilkare mg kennis gegeven dat eer partikulier koopeman van Madras aan de inlanders te kilkare kommissie had gebonden om voor hondert duijsend pagooden lijnwaaten te besorgen waer toe 't geld door vermogende wisselaars te Ramenade waaren van tijd tot tyjd zonde worden bellorgd om alle deese onderkruijpingen in onze rechten heb ik mij verpligt gevonden om de onlangs ontvangene ropijen op de best mogelijkste wesze hoer eer zo beter aen de koop„ leeden tot de leverancie van lijnwaat afgegeeven schoon een en een half precent lager dan den prijs die door uweledele groot Achtbaare daar op is gesteld wijl dit klein verlies niet kan opnegen tegen het nadeel het geen ons door 't langen stacken van den handel door onze onderkuijpers zien bij de memorie die ik tot narigt van den politiken Raad heb nagelaten en bij de instriksie die ik aan den gezagge hebben van de kruistorie heb overleend, van welke beide instriksien ik de eer heb kopijen hier novens te Voegen. een zien e word m N N Aan als Vooren wordt toegebragt. Ik hebde eer met alle eerbieden en trouwe te zijn /:onderstond:/ als vooren /:was geteekend:/ M: Mekern /:in margine:/ Tutukorijn den 25:' Meij 1791. Ik heb mij vereerd gevonden met den ontfangst van uweledele groot Achtbaare hoogst g'eerde sekreete letteren van den 16=e Junij J=lieden Welkers in houd ik tot mijn schuldige narugt zal laaten dienen. De Heer Torin Engelsche superintendent te Tirneville gaf mij by een brief gedateerd 27=e Junij kennis dat er ses vaartuijgen te Baipaar gereed laagen te zijlen met lijnwaat kattoen en saijewortelen, dat zijn volk bedugt voor eenige hindernissen van onze zijde zwaarigheijd maakten om te vertrekken zon„ „der passen, maar dat zijn E. geene reedenen konde vinden waar door wij aan deeze vaartuijgen eenige molesten konden aanbrengen dog dat zijn E: het egter billijk vond om mij kennis te geeven van hun Vertrek op dat ik de nodige ordres konde stettensh hun Volkoomen Verzekering. Jk heb de Heer Iorin enkeld geandwoord dat ik ordres gegeeven had om de ses vaartuijgen onverhindert te laaten passeeren met versoek dat zijn E: zo goed gelieve te zijn, zyn volk te belasten om de lijnwaaten die afscheept wier„ den de gewoonelijke visitaatsie te laaten ondergaan terwijl ik ordre gesteld heb om deeze Visctaatsie te doen met een buijten gewaa decentcie op eene wijze dat daar door de reize der Vaartuijgen niet verhinderd wierden en vermits het Volk van de Vaertuijgen daar op had aangedrongen dat ze van passen mogten Voorsien worden blijkens het translaat van de malabaarsche opgaave ola van de naamen der sis vaartuijgen en van het geen ze gelaaden hebben, die de Heer Torin nevens zijn brief had overgezonden zo heb ik ses licent sie brieven overdelzven bij gevoegd maar de Heer Tovin zond mij dezelven bij brief van den 30=e Junij weder terug onder melding dat zijn E=: niet konde begrijpen dat ze nodig waaren dat zijn E. na de in„ ven hun timatie
English
To as before intimation to me had given notice of his Honor's intention to dispatch the vessels. That they now had orders to sail and that his Honor trusted that I would have given orders to my people not to detain them, as they contain nothing other than natural products of the province of Tirnevelli intended for the capital. I wrote to Mr. Torin by letter of the 2nd of this month that I had sent the license notes solely to assure the crew of the vessels that they had no hindrances to expect from our side, for which they were apprehensive, and that for the rest I had already, according to my first letter to his Honor, given orders not to hinder the vessels in their departure. I take the liberty of enclosing herewith the two original letters from Mr. Torin, together with the copies of the letters written by me in reply thereto, and of the translated Malabar ola which Mr. Torin forwarded, containing a statement of the names of the six vessels and of what they have laden. As soon as it had appeared from the inspection held of the pearl banks, the report of which was presented to your Right Honourable Sirs with the general letter of 30 November, that a small pearl fishery could be held with good success in the upcoming spring, I submitted to the English superintendent Mr. Torin a draft of a proclamation and also a draft of the conditions upon which, in my opinion, the leasing ought to take place. Mr. Torin replied to this on the 5th of this month that he found many remarks both regarding the proclamation and regarding the conditions, about which he wished to speak with me in person, and for which purpose he proposed a meeting at Alnatiernevellij. This meeting took place on the 13th of this month; Mr. Torin proposed therein that, since the Nabab shared for one half in the pearl fishery, he certainly was entitled to propose such arrangements as he deemed advisable in order to make the fishery yield the most. That Tutukorijn was not the place to obtain the highest price for the pearl fishery at the leasing there, since Tutukorijn itself had no wealthy inhabitants, and those in Madras and Tirnevelli who were interested in this leasing would not come to Tutukorijn; wherefore Mr. Torin proposed that the leasing should take place at Madras and at Tirnevelli as well as at Tutukorijn. My answer to this was that during the previous pearl fishery held in the year 1787, the Nabab had made no other objections against holding the leasing at Tutukorijn, except only that the leasing would not be held at Kolombo as was customary before; that in the treaty concluded since, it was stipulated that the leasing and all other arrangements in the pearl fishery would take place as was customary, and that it followed therefrom that the Nabab had acquiesced in the custom of holding the leasing of the pearl fishery solely at Tutukorijn, where everyone had the liberty to come in person or to send his commissions, as he sees fit. But Mr. Torin asserts that even if the Nabab or his servants had consented for a single occasion, for special reasons that may have existed at the time, that the leasing should take place only at Tutukorijn, this did not prevent him in the future from making use of his right to have the leasing take place in his territories as well; to which Mr. Torin further added that, although he placed full trust that the leasing at Tutukorijn would take place faithfully, he nevertheless could not consent that the leasing should be held there alone. I then declared to Mr. Torin that For the rest, I have the honour to remain with all respect and fidelity, was signed: H: V: d: Wall in the margin: Tutukorijn, the 14th of July 1791.
Dutch transcription
Aen als Vooren „timatie mij van zijn E. voorneemen had kinnis ge„ geeven om de vaartuijgen afte zenden. - Dat ze nu ordre hadden om te zijden en dat zijn E. vertrouwde dat ik aan mijn Volk ordre zal gegeeven hebben om zo met op te houden, alzo ze niets anders in hebben als natuurlijk producten van het landschap Tirnevelli geschikt voor de hoofdplaats. Jk schrijf aan den Heer Torin bij brief van den 2=e deezer dat ik de licentie briefjes eenelijk had merdege„ zonden om het volk vande vaartuijgen te verzee„ „keren dat ze van onze zijde geene handerchissen te wagten hadden waar voor het zelve bedugt was en dat ik voor het overige reets volgens mijn eerst brief aan zijn E. had ordre gesteld om de Vaartuijgen in hun vertrek niet te Verhinderen Jk neem de vrijheijd de tweede brieven van de Heer Torin in origineel hier nevens te Voegen met de kopijen van de brieven door mij daar op in antwonrd =geschreeven en van de translaat malabaarsche ola die de Heer Torin heeft orvergezonden behel¬ sende opgaave der naamen vande ses Vaartuijgen zo dra by de gehoudene visitaatsie der paerlbanken waar van het rapport aan uweledele groot achtb: bij den gemeenen brief van den 30. November is aan„ „gebooden, was gebleeken, dat in het aanstaande Voorsaar met goed succes een kleine paarvisse rij konde worden gehouden, heb ik aan den Engelschen superintindeart den Heer Torin een Concept tot een publikaatsie en teevens een Concept van de kondietsien, waar op na mijne gedagten de Verpachting behoorde te geschieden, aangebooden; De Heer Torin antwoorde hier op den 5:e deezer, dat hij so bij de publickaatsie als bij de kondiet„ sien veele aanmerkingen vond, waar over hij in perzoon met mij wenschte te spreeken, en waar toe hij een tezaamen komst voorstelde te Alnatiernevellij Deeze te zamenkomst heeft en van het geen ze gelaaden hebben. Overigens heb ik de eer met alle eerbied en trouwe te blijven /:onderstond:/ als vooren /:was geteekend:/ H: V: d: Wallo /:in margine/ Tutukorijn den 14:' Julij 1791. en den den 13:e deezer gevolg gehad; de Heer Torin stelde daar bij voor dat wijl de Nababtans voor de helft in de paaroisscherij deelde hij voor zeeker gerechtigd was om zulke schikkingen voortestellen als hij oorderelde raadzaam te weezen, om de Visscherij op het meeste te doen gelden. Dat Tutukorijn de plaats niet was, om bij de verpaghting aldaar den hoogsten prij„ voor de paarlvisscherij te bekoomen, wijl Jutukhoren zelve geene vermogende ingezeetenen had en die lust hadden tot deese verpachting te Madras en Jirnevelli niet na Tutukorijn zouden komen„ waarom de Heer Porin voorstelde, dat de Verpack „ting zo wel zoude geschieden te Madras en te Pirnevelli als de Pútúkorijn. Mijn antwoord hier op was, dat bij de voorige paarlvisscherij in het jaar 1787. gehouden, de Nabab geene andere objectien tegen het houden van de verpachting „te Tutukorijn had gemaakt, als alleen deelze dat de verpachting niet gelijk te Vooren gebruijkelijk was te kolombo zoude worden gehouden, dat bij het zedert gemaakte tracton was gestipuleerd, dat de verpachting en alle ande schikkingen in de paarlvisscherij zouden geschie„ den, zo als het gebruikelijk was, en dat daar uit volgde dat de Nabab berust had in het gebruik om de Verpachting van de paaroisscherij alleen te houden te Tutukorijn daar een iegelijk vrijheid had, om zelve te koomen of zijne kommissien te„ zenden, zo als hij het goedvind Maar de Heer Porin beweerd, dat zo de Nabab of zijne bedienden ook al Voor een enkeld maal om bijzondere reedenen, die er toen hebben kunnen plaats gehad, had bewil„ ligd, dat de verpachting alleen te Tutukorijn zoude geschieden, hem zulx met behelte om in het Vervolg gebruik te maken van zijn recht, dat de verpachting ook in zijne landen geschiede, waar bij de Heer Porin noch verder voegde, dat hoewel hij volkomen vertrouwen stelde, dat de verpach„ ting te Tutukorijn getrouwelijk geschieden hij echter niet konde bewilligen, dat de verpach„ =ting aldaar alleen zoude worden gehouden. Jk verklaarde als toen aan den Heer Torin, Mas dat
English
that I did not find myself qualified to make changes in the once-adopted method of leasing, but that I would immediately make his proposals known to Your Right Honorable and request His further orders in that regard. Mr. Torin demonstrated to me that a good pearl fishery was currently at hand and that in this way, by corresponding over formalities, the best time could be lost, for which the fault would lie entirely on our side, since everything he proposed belonged to the Nabob by strictest right. I considered on this that it cannot well be denied that the Nabob really has the right to claim that the leasing of the fishery is held just as well in his lands as in those of the Company; that the same cannot but tend to the advantage of the lease and thus of ourselves, and that one may be reasonably certain that this method of leasing will be the last, and thus never be drawn into a precedent, as it is now posited as a certain matter that the Nabob will regain his lands within a very short time, and His Highness at a subsequent fishery will surely have the half of the tonies that belong to him fish for his own account, whereupon the Company can dispose of its half as it sees fit. Under this circumstance I said that it was best to arrange matters as well as possible so that the fishery could proceed in good time, provided only that the arrangements made contained nothing to the prejudice of our rights. I then entered into further negotiations with Mr. Torin, and we agreed that the pearl fishery will be publicly auctioned at Colombo and at Tuticorin on the 20th of January, that the Madras and Tirunelveli offers will be received by sealed bids, and that Mr. Torin will come to Tuticorin with these sealed bids on the first of February, and open them in my presence, and that whoever is found to have made the highest bid, whether at the auction or by sealed bids, will be accepted as lessee. To the publication that I agreed upon with Mr. Torin in the aforementioned manner in the French language, I annex a copy herewith, along with a transcript of the lease conditions as agreed upon by me and Mr. Torin, in which it is established with regard to the providing of sureties that each party will be responsible for the payment of its subjects who might become lessee, and thus the Dutch will be satisfied with the declaration of the Sarkar that the highest offers were made by a suitable person who has given sufficient security, while the Sarkar will be satisfied with a similar declaration on the part of the Dutch; furthermore, the party to whom the lessee is subject shall be obliged to receive the payment from the lessee and divide the same with the other party two months after the conclusion of the fishery. Furthermore, I have agreed with Mr. Torin to sign an act stipulating that all the aforementioned arrangements shall only take place for the upcoming pearl fishery and thus not be drawn into a precedent in the future, or should it happen that the respective principals might not be pleased therewith. Mr. Torin had already consented by letter of 29 November to hold the pearl fishery in accordance with the advice of our commissioners, with 60 tonies and 300 divers for the duration of 15 days, solely under this condition: that the oysters that would still remain thereafter should be fished up for the account of both parties, which condition I directly accepted, with this addition, that I hoped Mr. Torin would only desire this if oysters of note should remain, and by no means in the contrary case, since we had until now been of the opinion that it was harmful to the banks to scrape them too much, which is why we had until now never held a second lease after a fishery, even though some remnant oysters had remained. At the interview with Mr. Torin, he declared himself on this, saying that it was by no means his intention to make any further attempts on the banks if the remaining oysters should be few and of no consequence, but that his aim was, if after the conclusion of the fishery some oysters of note should still remain, to employ all those tonies and divers to have them fished up and sold for the account of both parties. I told Mr. Torin that if he insisted on this, I would make no difficulty in agreeing to it, although a matter of that nature could impossibly be scrutinized by us, as we would not be able to watch over the manifold thefts, for which reason I thought that in such a case it would be better to lease anew the right to fish the remaining oysters on the banks. The situation of the pearl banks on which the upcoming fishery will be held is so advantageous for easily fishing up the oysters found thereon and bringing them quickly to shore, that there is not the slightest probability that the fishery will be able to last a full fifteen days, and much less that oysters of note would still remain on the banks after that time. And since this will clearly appear in the course of the fishery, I have agreed with Mr. Torin to postpone this matter until the end of the fishery, and since there is thus time to request Your Right Honorable's pleasure on this.
Dutch transcription
dat ik mij niet gequalificeerd vond, om in de een maal aangenoomene wijzze van Verpach„ ting Verandering te maaken, maar dat ik zijne voorstellen ten eersten aan uwel Edele groot acht„ „baare zoude bekendmaaken en Hoogst desselfs nadere daar omtrent Vragen. De Heer Torin Vertoonde mij dat 'er tans een goede paarel visseherij Voor handen was en dat op deese wijse door over formaliteiten te korrespondeeren, de beste tijd zoude kunnen Verloopen, naar van de schuld geheel aan onze zijde zoude weezen wijl al 't geen hij voorstelde Volgens het strikste recht aan den Nabab toeknam. Jk heb hier op overnogen dat het niet wel is te ontkennen dat de Nabab werkelijk het recht heeft om te beweeren, dat de verpachting van Visscherij even zo wel in zijne landen, als in die van de kompanie word ge„ houden; dat het zelve, niet als ten voordeelen van de verpachting en dus van ons zelven kan streken, en dat men genoegzaam zeker mag„ stollen, dat deeze wijze van Verpagting de laaste zal weezen en dus, nimmer tot een gevolg worden getrokken, wijl men het tans als een zee„ heere zaak steld dat de Nabab binnen hiel wijnig tijd zijne landen zal te rug erlangen, en zijn Hoogheid bij een volgende Visscherij, de heloft van de tonies die hem kompeteeren voor zeeker voor eige reekening zal laaten Visschen, wanneer de kompenie over haare helfte kan beschikken zo als dezelve het goedvindt jn deeze omstandig= „heid heb ik gezagt dat het best was, om de zaaken zo goed te schikken als het mogelijk was, op dat de Visschery bij tijds konde Voortgang hebben, indien alleen, de gemaakte schikkin„ gen, niets tot benadeeling van onse rechter behelsden. Jk ben hier op nader in onderhan„ deling getreeden met den Heer Torin en wij zijn overeegekoomen dat de paarl Visscherij publick zal worden opgevijld te kolombo en te Tuttikorijn den 20=' Jannuarij dat de Madras en Tirne velle aanbiedingen zullen worden ontvangen bij gezegelde billetten, en dat de Heer Torin met laatste deezze deelze gezeegelde billetten den eersten febr: te Jutukorijn zal koomen, en zelve in mijne pre„ sentsie openen, en dat die bevonden word het hoogste bod te hebben gebooden, het zij bij de verpachting, het zij bij gezeegelde billetten als pachter zal worden aangenoomen. De pu= blikatie die ik met den heer Torin in voegen voorschreeven in de franchetaal het gearresteerd Vorge ik een kopij hier nevens, met een afschrift van de pacht kondietsien zo als die door mij en den Heer Jorin zijn ge-arresteerd en waar bij ten belange van het stellen van borgen is vastgesteld dat elke par„ tij zal verantwoordelijk weezen voor de betaaling Van zijne onderhoorigen die mogten pachter wor„ den en dus de Hollanders zullen te vreeden weezen met de Verklaaring van den Cercar dat de hoogste aanbiedingen gedaan zijn door een geschikt voorwerp en die genoegzaame zeekerheid heeft gegeeven Terwijl de Cercar zal te vreeden weezen met een dergelijke Verklaaring van de zijde der Hollanders, zullende Voorts de parij aan wien de pachter onderhoorig is verplicht weezen om de betaaling van den pachter te ontvangen en dezelve twee maanden na het afloopen van de Visscherg met de andere partyj te verdeelen. Voorts ben ik met den Heer Torin overgekoomen om een achte te teekeenen dat alle de Vooren„ gemelde schikkingen, alleenlijk zullen plaats hebben Voor de aanstaande parelvisscherij en dus niet worden in gevolg getrokken in den aanstaande of het mogt gebeuren dat wederzijdsche pinci„ paalen daar in geen genoegen mochten neemen. De Heer Corin had reets bij brief van den 29. November bewilligd om de paarlvisscherij te houden overeen„ komstig het advis van onze gecommitteerden, met 60. tonies in 300. duikers voor den tijd van 15. dagen, eenelijk onder deeze kondietsie dat de oesters die 'er dan nog zouden overblijven zouden worden opgeviest voor reekening van beide partijen, welke kondietsie ik direktelijk heb aangenoomen, met deese bijvoeging, dat ik hoopte Verklaaring dat E dat de W=r Torin dit enkelijk zoude wenschen wanneer 'er oesters van aanmerking mogten over„ blijven, en geenzints in 't tegengestelde geval Vermits wij tot nu toe in de Verbeelding geweest waaren, dat het schaadelijk was voor de banken om 'ir alte veel op te schraapen naarom wy to nu toe na eene visscherij, nooijd een tweede ver„ pachting hadden gehouden schoon 'er ook eenige resters waaren overgebleeven. Bij de entreure met den Heer Pozin verklaarde hij zig hier op zeggende dat het geenzints zijne meening was om eenige verdere pogingen op de banken te doen, wanneer de overblijvende oesters wignig„ en van geen aanmerking mogten weezen maar dat zijn oogmerk was om indien er na het af loopen van de Visscherij noch eenige oesters van aanmerking mogten overblijven alle die toniesin duikers te gebruijken om dezelve te laaten op ni schen en voor reekening van beide partijen te laaten verkoopen. Jk zijde den Heer Porin dat indien hij hier op stond ik geen Zwaarig zoude maaken om 'er in te bewilligen schoon een zaak van die natuur door ons onmogelijk zoude kunnen worden nagegaan wijl wij op de menigvuldige diverijen niet zouden kunnen letten, waarom ik dagte dat het in zulk een geval beter zoude weesen, om op nieuw te ver„ „pachten 't recht om de overgeblevene oesters op de banken te Visschen. De geleegenheid van de paarlbanken waar op de aanstaande Tis„ scherij zal gehouden worden, is zoo voordeeling om de daar op gevonden wordende oesters gemaklijk op te Visschen en spoedig aan de nat te brengen dat er geen de minste waarschijnlijkheid is dat de Visscherij volkomen vijftien dagen zal kunnen duuren en veel minder dat er na dien tijd nog oesters van aanmerking op de banken zouden overblijven En wijl dit in den loop van de Visscherij duij„ delijk zal blijken heb ik met den Heer Torin vastgesteld om deese zaak tot op het einde van de Visscherij - uitstellen, en wijl er dus tijd is om hier op uweledele groot achtb: goedvinden te zoude Vragen
English
request, I ask to be permitted to obtain the same, while I furthermore have the honor to remain with due respect and loyalty. Below stood: as above. Was signed: M: Mekern. In the margin: Tutukonspe, the 19th of December 1791. Agrees, Hijbrands, Secretary. Kolombo To the Right Honorable, Highly Venerable, High-Commanding Lord Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councilor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon with its dependencies, together with the Council. Right Honorable, Highly Venerable, High-Commanding Lord and Gentlemen, I take the liberty most respectfully to report to your Honors that on the last of the recently passed month the following was remaining: To the same as before. To the same as before. there remained in balance: In the Company's large cash treasury: in cash letters of credit in rice paddy being provisioned for 15 months. In the gunpowder magazines: in gunpowder Furthermore I have the honor to be with deep respect, Below stood: Right Honorable, Highly Venerable, High-Commanding Lord and Gentlemen, your Honors' humble and obedient servant. Was signed: S. G. Fornbauer. In the margin: Trinkonomale, the 5th of January 1791. r:o 10570½ rd:s 100569 7/84 in gunpowder Furthermore I have the honor to be with deep respect, Below stood: as before. Was signed: S. G. Fornbauer. In the margin: Trinkonomale, the 2nd of February 1791. I use the liberty most respectfully to report to your Honors that on the last of being provisioned for 14 months. In gunpowder magazines parr. s 2225. —. 43421 r8 39135: 10¾ 6905:—:— Together rd:s 46037: 18¾ In the Company's grain warehouse: in rice paddy in cash letters of credit In the Company's large cash treasury: I take the liberty most respectfully to report to your Honors that on the last of the recently passed month of January the following was remaining in balance, namely: rd: 37093: 1 Together rd:s 44995. 34 7902:—. In the Company's warehouse parr:s 3863- To the 43532: To the same as before. To the same as before. the recently passed month of June the following was remaining in balance, namely: In the Company's large cash treasury: in cash rds 31576: 15 letters of credit 5087. Total rd:s 37462: 15½ In the Company's warehouse: in rice Perr:s 131-. in paddy 84 32517 -. being sufficient for months. In the gunpowder magazines: lb: 98511. 1/3 in gunpowder Furthermore I have the honor to be with deep respect. Below stood: as before. Was signed: I. G. Fornbauer. In the margin stood: Trinkonomale, the 13th of July 1791. Commodore Cornwallis having made a request on the 18th of this month through an officer to be permitted to sail into the inner bay with the warship the Crown, the frigate the Vestal, the war sloop the Atlanta, and the schooner the Attender, in order to be able to careen with greater ease, I have, in hopes of your Honors' approval, granted entrance. I have the honor to be with deep respect. Below stood: as before. Was signed: I. G. Fornbauer. In the margin: Trinkonomale, the 19th of July 1791. in letters of credit in cash rd:s 29988. 42- 54. 17:—:— sum rd:s 33403. 42. in the Company's grain warehouses: in rice in paddy in the gunpowder magazines lb:s 98527:—. in gunpowder Furthermore I have the honor to be with deep respect. Below stood: as before. Was signed: S. G. Fornbauer. In the margin: Trinkonomale, the 2nd of August 1791. parr:s 135 16: –. 11. ditto 42090:— I have the honor to report to your Honors that the following was remaining in balance on the ultimate of July last, namely: in the Company's large cash treasury: greater To 63 To the same as before. To the same as before. To the same as before. Commodore Cornwallis having made a request that the frigate the Phoenix may do some repairs in the inner bay, I have granted this in hopes of your Honors' approval. The gunpowder that lay in the somewhat damp magazine of Enkhuizen having required drying, this was done according to the accompanying report, and I humbly request to be allowed to write off the lost quantity. Captain-Lieutenant Schreuder requests to be permitted to fire the salute shots with powder dust with half-ball heavy charges instead of one-third. Furthermore I have the honor to be with deep respect. Below stood: as before. Was signed: I. G. Fornbauer. In the margin: Trinkonomale, the 16th of August 1791. I have the honor to report to your Honors that on the last of the recently passed in cash in letters of credit rd:s 24435. 7 We have the honor to report to your Honors that on the ultimate of September last the following was remaining in balance, namely: In the Company's cash treasury: ld:s 98455:— in gunpowder Wherewith I have the honor to be with deep respect. Below stood: as before. Was signed: I. G. Fornbauer. In the margin: Trinkonomale, the 6th of September 1791. being sufficient for 42 months. In the gunpowder magazines: in paddy rd:s 24803. 6½ in cash 56 17. in letters of credit sum rd 30949/20. 6: t In the Company's warehouses: in rice parr:s 12706:— 52007. —. month of August, the following was remaining in balance: In the Company's cash treasury: 4977. –. — Month Sum rd:s 29412. 7:— in
Dutch transcription
vragen, versoeke ik het zelve te moogen erlangen terwijl ik voorts de eer heb met 't verschuldigde hoogachting en trouwe te blijven /:onderstond/als voor /was geteekend:/ M: Mekern /in margine:/ Tutukonspe den 19:' December 1791. Akkordeert Hijbrands Segkeerk Kolombo Aan den Weledele Groot Achtbaare Hoog Gebiededen Heer Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlandsch Indiën. Gouverneur en direkteur van het Eyland Caijlon met dies onderhorigheeden, Nevens den Raad, WelEdele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer en Heeren Ik neem de vrijheijd uwelEd: groot Achtbaare eerbiedigst te melden, dat onder den laasten van den Jongst gepasseerde maand het ondervolgende op zijn van als Vooren Aan als vooren zijn per restand geweest Jn skomp:s groote geld kassa aan kontanten krediet brieven aan Rijst Nilie zijnde geproocandeerd voor 15. maanden In de kruijdkelders aan Buskruijt Jk heb overigens de eer, met diep ontzach te zijn /:onderstond:/ Weledele Groot Achtbaare Hoog Gebiecke de Heer en Heeren, u Wel Ed: Groot Achtb: onderdani en gehoorzame dienaar /: was geteekend:/. S: G: En bauer /in margine:/ Trinkonomale den 5 Jannuar - - . r:o 10570½ rd:s 100569 7/84 aan Buskruijt Ik heb overigen de eer met diep ontzach te zijn /onderstond/ als vooren /:was geteekend:/ S: G: Form„ bauer / in margine:/ Trinkonomale den 2. februarij Jk gebruijke de vrijheijd uwel Ed: groot Achtb: eer„ biedigst te melden, dat onder den laasten van zijnde geproviandeerd voor 14. maanden In kruijdkelders parr. s 2225. —. „ 43421: „r8„ 39135: 10¾ - - - -„ 6905:—:—: Tezamen rd:s 46037: 18¾ Jn skomp:s graan pakhuijs aan Rijst Nelie aan kontanten „ krediet Brieven- Jn skomp:s groote geldkassa Ik neem de vrijheid uwel Ed: Groot Achtb: erbiedigst te melden, dat onder den laasten van de Jongst gepasseerde maand Iannuarij het ondervolgende zijn per restand geweest als. rd: 37093: 1 Tezamen rd:s 44995. 34 „ 7902:—. Jn skomp:s pakhuijs . . - - - - pan:s 3863- Aan de „ . -- - „ 43532: „ - - 1791. „ 1791. Aan als vooren Aan als vooren de Jo. gepasseerde maand junij het volgende is per vestand gewerst, als. or skomp:s groote geldkassa aan krediet rds 31576: 15 krettiet brieven „ 5087. Teld rd:s 37462: 15½ Jn skomp:s pakhuis aan Rijst Perr:s 131-. aan Nelie. . . . . — „„ 84 32517 -. zijnde toerekende voor maanden In de kruid kelders lb: 98511. 1/3 aan Buskruid Jk heb voorts de eere met diep ontzach te zijn /on„ derstond:/ als vooren /was geteekend:/ I: G: Formbaaen /:in margie stond:/ Trinkonomale den 13 Julij 1791. De Comodore Cornwallis den 18=e dezer door eenen officier verzoek gedaan hebbende om met het oorlog schip de Croon het fregat de Vestal, de oorlogs sloep de Atthlanta, en de schooner de Attender in de binnen baaij te mogen zeëlen, ten einde met aan krediet brieven -- aan kontanten - - - - - - - - rd:s 29988. 42- 54. 17:—:— somma rd:s 33403. 42. jn skomp:s graan pakhuisen aan Rijst aan Nelie- in de kruijtkelders . . - lb:s 98527:—. aan Buskruijt Jk heb overigens de eer met diep ontzach te zijn /onderstond:/ als vooren / was geteekend:/ S: G: Formbaier /:in margine/ Trinkonomale den 2 Aug:s 1791. parr:s 135 16: –. 11. do 42090:— Jk heb de eer uwel Ed: Groot Achtb: te melden tot het volgende onder ultumo Julgj J=rleeden per res= tant is geweest Namelijk jn skomp:s groote geld kasje meerder gemak te kunnen krengen heb ik in hoop Van uwelEd: Groot Achtb: goedkeurig, den ingang toegestaan Ik heb de eer met diep ontzach te zijn /onderstond/ als vooren /was geteekend:/ I: G: Fornbauer /in margine/ Trinkonomale den 19. Iulij. 1791. meerder Aan - — 63 Aan als vooren. Aan als vooren Aan als vooren De Comanddor Cornnallis verzoek hebbende gdaan dan het fregat de Phonia in de binnen baaij eenige reparatien te doen heb ik zulks ik hoop van uweledele Groot Achtb: goed keuring oegestan Het buskruid, dat in de iets vogtige kelder van Enkhuisen gelegen heeft het droogen nodig gehad hebbende is zulks blijkens het nevensgaande Rap„ port gescied en ik verzoek nedrig de verlooren gegaane hoeverlheid, te mogen laten afschrijven De salut schooten met stof kruijd verzoekt de kapitain luitenant schreuder met halve kogel zwaare lading te mogen doen insteede van een derte Jk heb Voorts de eere met diep ontslach te zijn /:onderstond/ als vooren /was geteekend/ I G: Fornbauer /in margine/ Trinkonomale den 16. Aug s 1791. Ik heb de eer UwelEd: Groot Achtb: te melden dat onder den laasten van jongst gepasseerde aan kontand aan krediet brieven-- - rd:s 24435. 7 Wij hebben de eer uwelEd: Groot Achtb: te melden dat onder ultumo september J=o Leeden het vol gende is per restand geweest als Jn 'skomp:s geld kassa ld:s 98455:— aan Buskruijd Waarmeede ik de eere hebbe, met diep ontzach te zijn /:onderstond / als vooren / was geteekend/ I: G: Fornbauer /in margine/ Trinkonomale den 6 September 1791. zijnde toereikende voor 42 maanden In de kruijdkelders aan Aelie - - - - - - - „ - - - - - rd:s 24803. 6½ aan kontanten 56 17. aan krediet brieven - - - - somma rd 30949/20. 6: t Jn skomsp:s pakhuiszen aan Rijst - - - - - - - - - - - parr:s 12706:— 52007. —. Maand Augustus, het Volgende is per restant geweest In skomp:s gedkassa „ 4977. –. — Maand Somma rd:s 29412. 7:— ind Tilen - —
English
To as above To as above of rice paddy - - parras 111 33. - ditto 57210. —. being sufficient for 43 months according to the present distribution In the powder magazines of gunpowder -lb: 96078 ½ we furthermore remain the honour to be with deep respect subscript as above signed I: G: Fornbauer in the margin: Trikonomale the 4th of October 1791. We have the honour to present to Your High Honor the enclosed report from the consumption bookkeeper Schulder and to be with great respect subscript as above signed I: G: Fornbauer in the margin Trinkonomale the 5th of October 1791. We have the honour to report to Your Right Honourable 95778 1½ lb of gunpowder We furthermore have the honour to be with deep respect subscript as above signed I: G: Fornbauer in the margin: Trinkonomale the 7th of December 1791. parras 9490:— of rice 53459. — of paddy being sufficient for 27 months according to the present distributions. In the powder magazines in cash in credit letters - - - rixdollars 46889. 42. ½ 2892. Total rixdollars 49781. 42. 3 in the Company's warehouses that at the end of the past month of November the following remained in balance as follows. In the Company's large cash treasury in the Company's warehouse Agrees Sijbrands First Clerk that Kolombo To the Right Honourable, Valiant, Highly Esteemed, High-born Lord Willem Jacob Van de Graaff Ordinary Councillor of the Netherlands Indies Governor and Director of the Island Ceilon, with its dependencies Together with the Council Right Honourable, Valiant, Highly Esteemed, High-born Lord and Lords! I have the honour hereby to report to Your Right Honourable, Valiant, and Highly Esteemed, that on the 28th of December last arrived here via Trinkonomale the Ensign and Military Commandant the Honourable Hans Swaane Fretz, who has taken over the command of the garrison here. With His Honour's arrival, there was handed to me in a secret letter from the Trinkonomale Chief and Commandant the gentleman Major Fornbauer an extract of an extract of Your Right Honourable, Valiant, and Highly Esteemed secret resolutions of the 9th of October of the past year, containing dispositions regarding the division of the stations and small military posts of the government to form four military departments thereof; from which it appears that Batikaloa, regarding military affairs, will henceforth stand under the Commandant of Trinkonomale. Although no direct notification of the aforesaid disposition of Your Right Honourable, Valiant, and Highly Esteemed has been received here, it will nonetheless dutifully be complied with, as the aforesaid extract of resolutions from Trinkonomale has been transmitted properly authenticated. With the just mentioned letter of the Trinkonomale Chief, the gentleman Major Fornbauer, there was also transmitted a draft regulation, according to which all the troops of the infantry and artillery on Ceilon should regulate themselves in future. To the repeatedly mentioned draft were annexed a multitude of papers and models related thereto. However, since it has nowhere appeared to me that the arrangements mentioned in this draft have been established by Your Right Honourable, Valiant, and Highly Esteemed, all military affairs here will be handled until further disposition in that regard according to the tenor of the orders successively received here previously; and while the Baticaloa garrison now falls under the Commandant of the Department of Trinkonomale, I most humbly request to be instructed by Your Right Honourable, Valiant, and Highly Esteemed whether the annual and monthly military papers, which until now have been sent to Kolombo, should henceforth only be sent to Trikonomale, or which, drawn up in duplicate, should be sent to both places. For the rest, I have the honour to subscribe myself with all due respect subscript Right Honourable, Valiant, Highly Esteemed, High-born Lord and Lords Your Right Honourable, Valiant, and Highly Esteemed very humble and dutiful servant signed Burnand in the margin Batikaloa the 7th of January 1791. Agrees Sijbrands First Clerk Kolombo To the Right Honourable, Highly Esteemed Lord Willem Jacob Van de Graaff Ordinary Councillor of the Netherlands Indies Governor and Director of the Island Ceilon with its dependencies Together with the Council Right Honourable, Highly Esteemed, High-commanding Lord. We humbly report that the balance of gunpowder at the end of December past has consisted here in 10061¼ lb and at Manaar 9656 —. lb For the rest, we profess to be with very great respect
Dutch transcription
Aan als vooren Aan als Vooren aan Rijst Aelie - - parr:s 111 33. - d=o 57210. —. zijnde toerijkende voor 43 maanden na volges de tegenwoordige verstrekking Jn de kruijd kelders aan Buskruijt -lb: 96078 ½ wij blijven voorts de eer met diep ontzach te zijn /:onderstond/ als vooren / was geteekend/ I: G: Forn„ bauer /in margine:/ Trikonomale den 4. october 1791. Wij hebben de der Hoog denzelven het nevens lyggende Bericht van den konsumptie Boekhouder Schul„ der aantebieden en met groot ontzack te zijn /onderstond / als vooren /was geteekend/ I: G: Forn„ bauer /in margine/ Trinkonomale den 5 occtober Wij hebben de eer uwel Ed. groot Achtb: te melden to 95778 1½ aan Buskruid Wij hebben voorts de eere met diep ontzach te zijn Con„ derstond:/ als vooren /:was geteekend/ I: G: Formbur /:in margine:/ Trinkonomale den 7. December 1791. pawas 9490:— aan Rijst „ 53459. — aan Nelie zynde toerijkende voor. 27. maanden na volgens de tegenswoordige verstrekkingen. In de kruijdkelders aan kontand aan krediet brieven - - - rd:s 46889. 42. ½ 2892. Somma rd„s 49781. 42. 3 jn 'skomp:s pakhuijzen dat onder den laatsten van de op gepasseerde maand November het volgende per restand is geweest als. Jn 'skomp:s groote geld kassa jn skomp:s pakhuijs Akkordeert Hijbrands eKlerk dat - - 1791. Kolombo Aan den WelEdelen Gestrengen Groot Achtbaaren Hog seb: Han Willem Jacob Van de Graaff Raad ordinair van Nederlands Indiën Gouverneur en Directeur van het Eijland Ceilon, met dies onderhoorigheiden Nevens den Raad Wel Edele Gestrenge Groot Achtbaare Hoog Geb= Heer en Heeren! Ik heb de eer uwelEd: Gestr: Groot Achtb bij deeses te melden, dat op den 28 December J=ol alhier over Trinkonomale g'arriveerd is den Vaandrig en militaire Commandant DE Hans Swaane Fretz., welk de Commando van het guarni„ zoen alhier overgenomen heeft Met zijn E. komst, wierd mij overhandigd in een secreete brief van den Trinkonomaalsche Che/ en Commandant d' heer Majoor Fornbauer een Extrakt â Extrakt van uwelEd: Gestr: Groot Achtb: Secreete Resolutien van den 9. October ann passato, houdende dispositie omtrent de Verdeeling der Comptoiren en klijnen Militaire posten van het Gouvernement om daar van Vier mili„ „tairen Departementen te formeeren; waar uit blijkt dat Batikaloa. /. aangaande de Militaire weezen. / Voortaan onder de Commandant van Trinkonomale zal staan. Hoe wel alhier van voorschreven dispositie van uwel Ed: Gestr: Groot Achtb: geen dierekte bedeeling erlangd is zal niet te min pligtschuldig daar aan word voldaan, terwijl voorm Extrakt Resolutien van Trinkonomale behoorlijk g'authentiseerd, is overge „zonden Met even gem: brief van den Trinkonomaal, „sche Chef d' heer Majoor Fornbauer is teffens overgezonden een project Reglement, waar na alle de Troupes van de Infanterij en Arthillerij op Ceilon zig in het vervolg zoude moeten reguleeren. Aan meerm: project waaren annex een meenigte papier en Modellen daar aan betrekkelijk Echter dewijl mij nergens gebleeken is dat de schik„ „king bij dit project vermold, door uwel Ed: Gestr Groot Achtb: vastgesteld zijn, zullen tot nader dispositie dien aangaande alle de militairen zaaken alhier behandeld worden na luid van de Voor heen alhier sucpessief ontvangene ordres; en terwijl de Batika„ loasche guarnuzoen tans onder de Commandant van het Departement Trinkonomale zorteert ik verzoek nedrigst door uwel Ed: Gestr Groot Achter onderrigt te mogen worden of de Jaarlijkse en maandelijkse militaire papieren, welken tot dato na kolombo gezonden zijn voortaan alleen na Trikonomale of welke dubbeld opgemaakt na beiden plaatsen gezonden moeten worden Ik heb overigens de eer mij met alle verschuldigen ontslach te onderschrijven /onderstond/ Wel Ede Gestren„ ge Groot Achtb: Hoog Geb: Heer en Heeren UwelEd: Gestr: Groot Achtb:= seer onderdanige en Trouwph: Dienaar /was geteekend/ Burnand /in margine Batckaloa den 7. Ianuaryj 1791. Akhordeert Sijbrands en greer Holombo Aan Den welEdelen Groot Agtbaaren Heer Willem Jacob Van de Graaff Raad ordinair van Nederlands Jndia Gouverneur en Direteur van 't Eijland Ceilon met dies onderhoorigheeden Nevens den Raad Wel Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer. Wij bedeelen onderdanigtt, dat het rostand buskruijt onder ult=o december passato alhier heeft bestaan in 10061¼ lb: en te manaar 9656 —. lb: wij betuijgen overigens te zijn met zeer veel Eerbied
English
To the same as before Right Honorable, Highly Esteemed, High and Mighty Sirs, as before, Your Right Honorable, Highly Esteemed Sirs' humble and obedient servant, was signed, B. I. Raket, C. I. Schreuder, I. B. Pijken, J. v. Ebbenhorst, H. V. Sprang, and J. B. van Hek. In the margin: Jaffanapatnam, the 20th of January, anno 1791. We offer to Your Right Honorable, Highly Esteemed Sirs in humility a copy of our secret Resolution of the 21st of this month, whereby it was resolved to write off, subject to the approval of Your Right Honorable, Highly Esteemed Sirs, at the Trade Office, 464 1/2 lbs of gunpowder dust that was lost during the drying and winnowing of a quantity of 10,080 lbs of powder at Manaar. And for the rest, we call ourselves, with all due high esteem, below written: as before, was signed: B. I. Raket, C. Schreuder, G. Frankena, I. Nagel, I. B. Tijken, I. V. Ebbenhorst, I. C. v. Sprang, J. B. van Hek. In the margin: Jaffanapatnam, the 27th of January 1791. It seems very incomprehensible to us that the Chief of Manaar had the pearl banks dived for two months with 21 thonies without Your Right Honorable, Highly Esteemed Sirs and us being able to learn anything of it, and that he found pearls there, whereas the commissioners, men of honor who were present at the inspection of those pearl banks, had stated several times in quick succession that there were no pearls. The agent of the Nabob of the Carnatic, Mr. Buchanan, must absolutely identify the persons who told him that the same had caused this to be done, and specify which Chief he means, namely Mr. van Ranzow or the Honorable Ebele, as otherwise no inquiry can take place with certainty. But if Your Right Honorable, Highly Esteemed Sirs wish it, we shall demand sworn statements from the persons here and at Manaar who also helped inspect the pearl banks, regarding the condition in which they found the banks, and from the Chief, the Honorable Ebell, as to what is truly the fact regarding this accusation against him, and deliver them to Your Right Honorable, Highly Esteemed Sirs. Meanwhile, we call ourselves with all respect, below written: as before, was signed: B. I. Raket, C. F. Schreuder, G. Frankena, G. Mooijaart, I. B. Tijken, I. V. Ebbenhorst, I. C. v. Sprang, J. Williamsz, J. B. van Hek. In the margin: Jaffanapatnam, the 17th of March 1791. P.S. This is accompanied by a copy of the Manaar letter of the 14th of this month and a copy of the Instruction for the bark De Kreeft for Your Right Honorable, Highly Esteemed Sirs' esteemed perusal. To the Right Honorable, Highly Esteemed Sir, Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon with its Dependencies. Right Honorable, Highly Esteemed, High and Mighty Sir, I herewith offer in respect to Your Right Honorable, Highly Esteemed Sir two different accounts given by the Moor Magamadoe Mira, and a copy of a declaration given by five Moors, for Your Right Honorable, Highly Esteemed Sir's esteemed perusal, and remain with all respect, below written: as before, was signed: B. I. Raket. In the margin: Jaffanapatnam, the 12th of May 1791. I have ordered the Honorable Manaar Chief Ebell not to show the slightest unfriendliness to the Manaar Adigaar of the chaya-root diggers and dyer Wisoemenaden Parresanij, whether their complaints be well-founded or not, and made known that if it occurred, Your Right Honorable, Highly Esteemed Sir would take very serious notice of it. I call myself with all respect, below written: Right Honorable, Highly Esteemed, High and Mighty Sir, Your Right Honorable, Highly Esteemed Sir's humble and obedient servant, was signed: B. I. Raket. In the margin: Jaffanapatnam, the 31st of March 1791. To the same as before Lieutenant de Sedic said that the vessel named Chandernagoor was a royal corvette, but because a corvette cannot lie in the Kayts river due to its shallow depth, and the captain brought rice with him and wished to sell the same, we could not believe that it was a corvette and that it belonged to the King of France. Therefore, on account of the present circumstances of the times, the first signatory of this wrote to Captain-Lieutenant of Artillery Brochet, who had departed for Kayts with the said Lieutenant, to tell the captain of that vessel that the vessel would not be allowed to lie inside the Kayts river, and the captain would not be permitted to sell his cargo without authorization from Your Right Honorable, Highly Esteemed Sir. However, the said Captain-Lieutenant Brochet did not say it, as the captain had wanted to depart for the Coast of his own accord because the wind and weather were favorable to him, just as he also departed on the 24th of April, of which we informed Your Right Honorable, Highly Esteemed Sir in our humble letter of the 28th of April. To the same as before, and the Council We respectfully report to Your Right Honorable, Highly Esteemed Sirs hereby that on the 30th of July last, having anchored outside the river of Kayts and again... We respectfully offer hereby to Your Right Honorable, Highly Esteemed Sirs a copy of the Manaar dispatch of the 10th of this month, annexing the justification of the Honorable Manaar Chief Ebell concerning his conduct during the inspection of the pearl banks, and nine sworn statements given by the Honorable Captain Brohier and the native chiefs who attended the pearl inspection. Below written: as before, was signed: B. I. Raket, C. F. Schreuder, G. Frankena, P. Mooijaart, P. van Tijlingen, I. B. Pyken, I. V. Ebbenhorst, I. C. v. Sprang, I. Williamsz, I. B. van Hek. In the margin: Jaffanapatnam, the 19th of May 1791.
Dutch transcription
Aan als vooren WelEdele Groot Achtbaare Hoog Gebidende 3: Oan als vooren uwel Ed: Groot Agtb: onderdanige en gehoorsaam dienaar /:was geteekend/ B: I: Raket, C: I: schreuder, I: B: Pijken, J: v: Ebbenh H: V: Sprang en J: B van Hek /in margine/ Iaffanap=to den 20. Januarij Ao 1791. Wij bieden uwe wel Edele Groot Achtb: in ootmda aan, kopia onser secreete Resolutie van den 21 deeser waar bij beslooten is om op Approbatie van Uwe wel Edele Groot Achitb, bij de Negoliebar telaaten afschrijven 464. ½. lb: stofskruit, de bij het droogen en wannen van een kwantiti Van 10080 h. lb: kruijt te Manaar verrl „gen is, en voor 't overige noemen wij ons met alle verschuldigde hoog agting /onderstond:/ als vooren /was geteekend:/ B: I: Raket, C: Schreuder, G: Frankena, I: Nagel. I: B: Tijken, I: V: Ebbenhorft I: C: v: Spraa J: B: van Hek, /in margine/ Iaffanap=m den 27. Januarij 1791. Het komt ons seer onbegrijpelijk voor dat het opperhoofd van Manaar twee maanden lang met 21. thonies de paarbanken heeft laaten beduiken sonder dat uwe wel Ed: Groot Agtb: en „iets wij van hadden kunnen teweeten krijgen, en dat deselve parelen gevonden heeft, daar de gecommit„ teerden, mannen van eer en die bij de visentatie die paarlbanken present geweest waaren verschei„ de maalen kort na den anderen opgegeven hadden dat er geene paarlen waaren De agent van den Nabab van karnatskade heer Buchanan moet volstrekt aanwijsen de persoonen die denselven gesegt heeft dat het zelve sulks heeft laaten doen en opgee„ ven welk opperhoofd deselve meend, teweeten dl: van Ranzou of DE: Ebele wijl anders geen ondersoek med sekerheid kan geschieden, dog zo uwe Wel Ed: groot Agtb: het hebben wilt dan zullen wij van de hier en te Manaar zijnde Aan Luiden Aan als Even luiden die de paarlbanken mede hebben hel„ pen vesenteeren van in welke gesteldheid zij de banken gevonden den hebben, en van het opperhoofd den E. Ebell wat van deese beschuldigeheg ten zijnen opsigte egentlijk zij b'eedigde Verklaren afvorderen en aan uwe wel Ed groot Agtb: bezorgen Intusschen noemen wij ons met allen ontzag (onderstond als vooren /was geteekend/ B: I: Raket, C F: Sch reuider, G: Frankena, G: Mooijaart, I: B: Tijkin, I: V: Ebbenhorft, I. C: v: Sprang,„ Js Williamsz J B, van Hek, /in margine/ Jafarnapatnam den 17. Maart 1791. P: S: Dusen verzelt kopia Manaarse brief van den 14. deeser en kopia Jnstructie voor de Bark de kreeft tot uwer welEd: Groot Achtb: g'eerde spiculatie: Aan den wel Edelen Groot Achtb: Heer Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlandsch india. Gouverneur en directeur des Eijlands Ceilon met dies onderhoorigheeden Wel Edele Groot Agtbaare Hoog Gebiedende Heer Ik beide uwel Edele Groot Agtb: hiernevens in Eerbied aan Twee Verschillende Relaasen ter „leend door den moor Magamadoe Mira en Een kopia deklaratoir Verleend door Vijf mooren tot g'eerde speculatie van uwel Edele Groot Agtb: en blijve met allen Eerbied /onderstond/ als vooren /was geteekend/ B: I: Raket /in margine:/ Jafnapatnam den 12. mai 1791. Ik heb aan 't E. manaars opperhoofd Ebell gelast om aan de Manaars Adigaar der Zaije gravers en Verwer Wisoemenaden Parresanij geene de aldermin„ ste onveriendelijkheeden te bewijzen 't zij dat hunne klagte gegrond mogten zijn dan niet en aangekondigh dat 't geschieden de uwel Ed: Groot Agtb: daar aan zig zeer veel zoude laten gelegen leggen. Jk noeme mij met allen ontzag /onderstond:/ wel Edele Groot Agtbaare Hoog Gebiedende Heer uwel Edele Groot Agtb: onderdanige en Gehoorzaame dienaar /was geteekend/ B: I: Raket, /in margine/ Iafnapatnam den 31. Maart 1791. Ik Aan als Vooren De Luitenant se Sedic heeft gezegt dat het van tuig genaamt Chandernagoor een konings Corm was maar wijl een corvet inde kaitse rivier ma derselver ondrepte niet leggen kan, en de kapite rijst meede gebragt en deselve hand willen Verkom so hebben wy niet kunnen gelooven dat het een Corvel was en dat deselve den koning van Vrankrijk zoude zijn toebehoorende, mids dien s om de tegenwoordig tyds omstandigheid heeft de Eerstgetekende deeses aan den kapitain Luite„ nant der Arthilleris Brochet die met gemeld Luitenant na Caits Vertrokken was, geschreeven, om aan den kapitain van dat Vaartuig te seggen dat 't vaartuijg niet zoude binnen de kaatse rivier mogen leggen, en de kapitain zijn laading verkoopen buiten kwalificatie van uwewelEd: Groot Agtb:, dog gem: kapitain lu tenant Brochet heeft het niet gesegt wijl de kapitain uit zijn eijgen na de kust had willen vertrekken om dat de wind en het weer hem Aan als vooren en den Raad Wij melden uwe welEd: Groot Agtb: hier bij in eerbied, dat op den 30. ' Julij Iongstleden buiten de rivier van Carts ten anker gekoomen en weder Gunstig was gelijk deselve ook vertrokken is op den 24. April waar van wij uwe wel Ed: Groot Agtb: hebben kennis gegeeven bij onsen nedrigen brief van den 28. April. Wij bieden uwe wel Ed: Groot Agtb: hier bij in eers„ bied aan Copia Manaarse missive van den 10. ' deser annex de verantwoording van 't E. Manaarsch op„ perhoofd Ebell nopen zijn gehouden gedrag inde visitatie der paarlbanken en negen stux beeedigde Verklaaringen Verleend door den E: Capit: Brohior: en de inlandse hoofden die de paarl Visitatie hebben bijgewoond /:onderstond:/ als vooren /was geteekend/ B: S Raket, C: F: Schreuder, G: Frankena, Pr: Mooijaart, P: van Tijlingen, I: B Pyken I: V: Ebbenhorst, I: C: V: Sprang, I: Williamsz I: B: van Hek, /in margine/ Jafnapatnam den 19. ' Maij 1791. Punstig Vertrokken
English
Departed is a two-masted English vessel, of which one of its officers came ashore here for an instant to buy provisions, and was unable to obtain them; that Lieutenant Von Mijbrink communicated to us in a letter dated the 7th instant that on the 1st of this month an English frigate together with a brigantine came to anchor off the island of Delft and set sail again, and that between that time it had sounded as far as near the shore; that the Adigar of the Passes Koning also informed us in a letter dated the 7th instant that between Marden kenn and Oedetoore a two-masted vessel had come to anchor and departed again, that four white persons came ashore and immediately went back on board; and we maintain that it must be the two-masted vessel that was off Puntopedro, of which mention was made in our humble letter of 28 July last. We profess to be with all respect, below stood, as above, was signed: B: S: Raket, C: F: Schreuder, G: Frankena, G: Moojaart, I: B: Tijken, I: C: V: Sprang. In margin: Jafnapatnam, 11 August 1791. Agrees, Dijbrands, First Clerk. Kolombo To the Right Honorable Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceilon with its dependencies. Right Honorable High-Commanding Lord, Pursuant to Your Right Honorable's high order contained in the secret letter of 10 July of the past year, I have engaged in the service the following persons, namely: Jan Hendrik desilva from Manaar, aged 18 years, mestizo, as drummer, Leander warnar from Kolombo, aged 25 years, mestizo, as soldier, Philip Adriaansz: from Manaar, aged 20 do., do., Adriaan vander walle from do., aged 20 do., do., Lodewijk willemsz. from Kalpttij, aged 24 do., do., and under the dates of 20 and 31 August of the past year, nominated them to Jaffanapatnam in order to obtain their deeds. Nominated; since then, as their deeds were not sent, I again nominated the said persons to Jafunapatnam under date of 12 December, but have not yet received the deeds. For which reason I, by humble letter of 17 December last, to obtain the said deeds, again most respectfully requested the repeatedly honored Jaffna government, and received in reply that I must immediately discharge the persons who had not received their deeds. As I have already taught the drummer to beat the drum, and the drummer present here belongs at Kolombo, and also the persons engaged as soldiers have served in the garrison here for 6 months, I most respectfully made known to the most highly honored government in my humble letter of the 7th of this month that I cannot discharge those people, since they were already accepted upon Your Right Honorable's highly honored letter and, as aforesaid, perform their service in the garrison; and furthermore humbly requested to write again on their behalf to Your Right Honorable to obtain their deeds. Whereupon the said honored government was pleased to write that I myself should request the deeds for the said persons from Your Right Honorable. Therefore, I hereby take the humble liberty of begging Your Honor that the aforementioned persons engaged in the service may obtain their deeds through Your Right Honorable's generous favor. While for the rest I have the high honor to be with deep respect, below stood: Right Honorable High-Commanding Lord, Your Right Honorable's humble and obedient servant, was signed: C: F: Ebell. In margin: Manaar, 21 January 1791. I have the high honor to offer most submissively enclosed to Your Right Honorable the account mentioned in my last humble letter of the 2nd of this month of what was spent here on the four Nayakkars and their retinue during their stay here, in the hope that it may deserve Your Honor's honored approval, humbly requesting Your Right Honorable at the same time to be allowed to include the said disbursements in the accounts here. For the rest, I profess to be with deep respect, below stood: as above, was signed: F: Ebell. In margin: Manaar, 11 February. Pursuant to Your Right Honorable's honored order, I engaged in service about six months ago some young men as soldiers and drummer at 9 florins. Of these, 7 have received their deeds through Your Right Honorable's generosity. The remaining 5, mentioned in the enclosed name list, I have since nominated to Jaffana to obtain their deeds, and received in reply to discharge them or else to nominate them myself to Your Right Honorable to obtain their said deeds. Which I also had the high honor to do in my humble letter of 21 January last; and since I have received no reply or deeds thereon, I again take the humble liberty of requesting Your Right Honorable that the same may be favorably sent to them. I have the high honor to offer most submissively enclosed to Your Right Honorable an account of what was spent on the 7 Nayakkars and their retinue, who arrived here on 6 March and were sent to Jaffanapatnam on 9 April. I humbly beg Your Right Honorable to deign to grant your favorable approval thereof, for inclusion in the accounts here. For the rest, I have the high honor to be with deep respect, below stood: as above, was signed: C: F: Ebell. In margin: Manaar, 18 February.
Dutch transcription
Vetrokken is, een tweemastig Engelsch Vaartuig dat een van desselfs officier her voor een ogender is gekoomen om provisien te koopen, en deselve met heeft te koopen gekreegen dat de Luitenant Von Mijbrink ons bij een brief gedagtekend 7. dien gecommuniceerd heeft dat op den 1. deser voor 't Eiland Delft ten anker gekoomen en weder onder zijl gegaan waaren en Engelsch fregat nevens een Bregantijn, en dat tusschen dien tijd geplit was. zoo ver als naast de wal, dat de Adigaa„ Van de passen koning ons bij eenen brief mede ged:e 7. deeser bedielt heeft, dat tusschen Marden kenn en oedetoore ten anker gekoomen en weder vertrok„ ken was een tweemastig vaartuijg, dat vier blanke persoonen aan de wal gekooken, en weder ten eer„ sten na broord gegaan waaren, en wij sustineeren dat het tweemastig vaartuijg zijn moet dat dat voor Puntopedro geweest is en van het selve is melding gemaakt bij onsen nedrigen brief van den 28. Iulij I=o Lieden. Wij noemen om met allen ontzag /onderstond:/ als vooren /:was geteekend/ B: S: Raket, C: F: Schreuder; G: Frankena, G: Moojaart, I: B: Tijken, I: C: Vv: Sprang. / in margine:/ Jafnapatnam, den 11 Augs 1791. Akkordeert Dijbrands DEgklerk Wij Kolombo Aan Den wel Edelen Groot Agtbaaren Heer Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlands india Gouverneur en directeur van het Eijland Ceilon met dies onderhoorigheeden. Wel Edele Groot Aagtbaare Hoog Gebiedende Heer Op uwel Ed: Groot Agtb: hoog bevel vervat, by sereete missive Van den 10 Julij anno passo heb ik de ondervolgende perzoonen teweeten. „mijlis Ian Hendrik desilva van Manaar oud 18. Jaaren, , als tamboer Leander warnar van kolombo oud 25. Jaaren migties Philip Adriaansz: „ Manaar „ 20 d=o do Adriaan vander walle „ d=o „ 20. d=o d=o Lodewijk willemsz. „ kalpttij „ 24. d=o d=o in dienst genoomen, en onder dato 20. en 31. augustus anno passo ter erlanging hunner acten naar Jaffanapatnam voorgedraagen e Aan als Eden. Voorgedraagen, zedert heb ik gedagte perzoonen, wijl hunne actens nietgezonden zijn onder dato 12. eber va dermaal naar Jafunapatnam Voorgedraagen, dog daar op tot als nog de actens niet bekoomen, waarom ik dan bij submisse letteren van den 17. ' december J:oLlede ter Verkrijging van gem: actens, meerm: g'eerde Jappang regeering wederom eerbiedigst verzogt, en tot andwoord bekoomen, dat ik perzoonen, die hunne actens niet verkreegen, ommiddelijk, afdanken moette, ik heb also den tamboer het tromslaan redsgeleerd, en de hier zijnde tamboer, op kolombo te huijs hoort zomeede de als zoldaaten aangenoomene zedert b maanden hun dienst in 't guarnisson alhier doen bij mijne needrige van den 7. dezer hoogst welgens g'eerde regeeving eerbiedigst te kennen gegeeven, dat ik die luijden niet afdanken kan also zij op uwel Ed. Groot Agtb: hoog g'eerde schrijven, neds aan„ genoomen waaren en als voor zegd, hun dienst in het guarnusoen doen, en voorts ootmoedigst ver„ zogt hunnent wegen andermaal aan uwEd: groot Ik heb de hooge eere uwel Edele Groot Agtb: in dese geslooten onderdaning st aantebieden de opgave vermeld bij mijne laaste submisse letteren van den 2. dezer van het geen al„ hier veronkost is aan de vier Naijkers en Agtb: te schryven ter erlanging hunnen actens waar op welgem: g'eerde regeering. dit geen heeft gelieven te schrijven, dat ik zelfs van uwelEd: groot Aagtb: de actens voor gem: perzoonen ver„ zoeken moeste, en daarom nem ik mitsdeezen de needrige Vrijheijd hoogst dezelve te bidden dat voorn: in dienst aangenomene luyden door Uwl Ed: groot Agtb: Edelmoedige gunste, hun„ ne actens verkrijgen mogen Terwijl ik voort overigede hooge eere heb med diep ontzag te zijn /:onderstond:/ welEdele Groot Agtbaare Hoog Gebiedende Heer uwel Ed: Groot Agtb: onderdaanige en gehoorzame Dienaar /:was geteekend/ C: F: Ebell /in margine/ Manaar den 21. Januarij 1791. Agtb: hun Aan als Even. Aan als even hun gevolg geduurende hun Verblijf alhier in hoope dat dezelve hoogst desselvs g'eerde appro„ batie verdienen moge verzoekende uw: Ed: groor Agtb: teffens needrig, gemete verstreckingen byj de reekening alhier te mogen inneemen Voor 't overige noeme ik mij med diep ont„ Zag. /. onderstond:/ als vooren /:was geteekend/ F: Ebell /:in margine/ Manaardden 11. Februarij. Ik heb op uwel Ed: groot Agtb: g'eerde bevel voor omtrent zes maanden eenige Jonge lieden, als voer zoldaaten en tamboer med ƒ 9. in dienst aangenoomen, van deeza hebben 7. door uwelEd groot Agtb: edelmoedigheid hunne acten Verkreegen de overige 5 Vermeld bij de inges tene Naamlijst, heb ik zedert na Jaffana ter erlanging van hunne acten voorgedraagen en ten antwoord bekoomen ze te zullen af„ danken, dan wel ze, zelfs bij uwelEd: grot, Ik heb de hooge eere uwel Edele Groot Agtb: in deeze geslooten onderdanigst aantebieden eene op= gave van het geen Veronkost is aan de 7. Nagjker en hun gevolg die op den 6. ' Maart alhier aangekoomen, en den 9. april naar Iaffanapal„ nam. gezonden zijn. Ik bid uwelEd: Groot Agtb: ootmoedigst daar op hoogst desselvs gunstige approb batie te mogen erlangen, ter inneeminge bij de Reekening alhier Agtb. Voortedraagen ter erlanging van gemelde hun„ „ne actens, het geen ik ook de hooge eere gehad heb bij mijne nedrige letteren van den 21. Januarij Jol: te doen en nademaalen ik daar op geen antwoord en actens bekoomen heb neem ik wederom de onder„ danige vrijheijd Uwel Ed. groot Agtb: te verzoeken dat hun dezelve gunstiglijk mogen gezonden worden Ik heb voort 't overige de hooge eeri med diep ontzag ze te zijn /onderstond/ als vooren / was geteekend/ C: F: Ebell / in margine/ Manaar den 18. Februarij agtb:
English
As above As above While I have the high honour to be, with deep respect below stood as before was signed C: F: Ebell in the margin Manaar the 6th of May 1791. Having received no news from the opposite coast since the dispatch of my very humble letter of the 10th instant, I have the honour most submissively to inform Your Right Honourable Sirs thereof, as also that on the 11th instant I let depart the two dhonies mentioned in my aforesaid humble letters to cruise with the permanent ones, which cruise back and forth on the north side of the island and up to the latitude of Rameswaram and guard the beaches. While for the rest I have the high honour to be with deep respect below stood as before was signed C: F: Ebell in the margin Manaar the 17th of June 1791. By order of the esteemed Jaffna government, I am currently having the temporary huts required for the forthcoming inspection built at Arippu, and will take care that they will be ready by the time the inspection begins. The rumour that an inspection is to be held will perhaps also cross over to the coast, and it is quite possible that the Nabob's envoys may come. If this happens and they should receive permission to go to Arippu, they will also need to have houses there. It is therefore with all respect that I take the liberty to ask Your Right Honourable Sirs to command me whether I should also build houses for them, or else have the necessary materials prepared for that purpose, so that upon their request I can then deliver them or build them upon Your Right Honourable Sirs' command; for should they arrive otherwise and I have to do it, it will cause much trouble. I also take the humble liberty to ask Your Right Honourable Sirs, if it can be done, to send hither a company or half a company of sepoys for as long as the inspection shall last, in order thereby to be better able to guard the beaches on that occasion and to keep watch on those arriving, so that no suspicious persons may come hither and depart in their company. Furthermore, as the adappan of the Paravars has informed me that of the ten divers who were under his kattumarams four have died, and that I might take that number from the chank divers to complete the number, I also take the liberty to submit this to Your Right Honourable Sirs and to pray for Your most favourable approval in this regard. Linen for covering the necessary temporary huts I do not have, and the linen that the washermen take from the inhabitants will also be far from sufficient; wherefore I also humbly pray that this may be sent hither, as well as some pieces for enlarging the sides and the further necessities for the inspection requisitioned in my humble letter of the 12th instant. For the rest, I have the high honour to be with deep respect below stood as before was signed C: F: Ebell in the margin Manaar the 16th of September 1791. Agrees Wijbrands First Clerk Ceylon To the Noble Sir Willem Jacob van de Graaff Ordinary Councillor of the Dutch Indies as well as Governor and Director of that island and its dependencies Along with the Council. Colombo Noble, Steadfast, Valiant, Wise, Prudent, Highly Discreet Sir and Friends. In friendly reply to Your Honour's esteemed letter of the 29th of September last, it serves to state that we consider the negotiation of money on a separate bill of exchange with Your Honour all too disadvantageous, and could also find no opportunity for it here; and that we have therefore disposed the holder of the bond of fifty thousand rupees chargeable to Your Honour's government to wait another year, in the hope that we will then be put in a position to satisfy the same. Wherewith, after friendly greetings, we remain below stood Noble, Steadfast, Valiant, Wise, Prudent, Highly Discreet Sir and Friends, Your Honour's dutiful friends and servants was signed J: G: van Angelbeek, van Spall, A: Nel in the margin Cochin the 4th of February 1791. Agrees Wijbrands First Clerk To the Right Honourable, Highly Commanding Sir Willem Jacob van de Graaff Ordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Island of Ceylon with its dependencies etc. etc. Right Honourable, Highly Commanding Sir, I must most humbly beg excuse that by an accident to the authorized person during the sealing of the letter under date of the 17th instant, the paper on which the password and cipher were written slipped out of it, which was discovered only early this morning, wherefore I have the honour to present the same again herewith. While with all humble undersigned below stood Right Honourable, Highly Commanding Sir, Your Right Honourable Sir's faithful, dutiful servant was signed J: F: Rudolph in the margin Kalutara the 19th of February 1791. Colombo Wijbrands First Clerk Agrees Ceylon that according to the latest alliance To the Right Honourable Sir Willem Jacob van de Graaff Ordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Said Island and the Coast of Madura Along with the Council Colombo Right Honourable Sir, Sirs, Whereas according to the latest reports from Europe of September and October 1790, war between England and Spain appears inevitable, and consequently France, being unable to remain out of it, may also become entangled therein with England, we consider it our bounden duty to give Your Honours notice of this report, as it is even confirmed in the public newspapers, in order that you may not be unaware thereof and may not perchance be surprised by a Spanish or French fleet.
Dutch transcription
Aan als Even Aan als Even Terwijl ik de hooge eere heb, med diep ontzag te zijn /onderstond/ als vooren /was geteekend/ C: F: Ebell /in margine/ Manaar den 6. Meij 1791. sedert het afgezonden van mijnen zeer nedrigen van den 10. dezer geen narigt van de overwal bekoomen hebbende zo heb ik de eere Uwel Edele groot Agtbaare daar van onderdanigst berigt te geeven zomeede dat ik de twee tonijs bij mijn„ ne voornoemde submisse letteren vermeld, om med de permanente te kruijzen op den 11 dezer hebbe vertrecken laaten dewelke aan de noordkant van het Eyland en tot op de hoogte van Ramesoe na over en weer kruijzen ende stranden bewaaken Terwijl ik voort 't overige de hooge zeere heb med diep ontzag te zijn /onderstond / als vooren /was geteekend/ C: F: Ebell /in margine/ Manaar den 17 Juni 1791. Op het bevel van de g'eerde Iaffanase regeering laate ik tans te Arripo, de voor de aanstaande visitatie benoodigde vusthuijzen bouwen en zal zorgen dat ter =gens de visitatie begind, zullen klaar zijn het gerugt dat 'er eene visitatie staat gehouden te werden zal misschien ook na de kust overwaagen, en mischien is het wel mogelijk, dat 'er snababs zende„ lingen koomen zo dit gebeurt, en zijn verlof bekoo„ men mogten na Arripo te gaan, zullen zij daar ook huijzen hebben moeten het is dan met alle eerbied dat ik de Vryheid gebruijke uwelEd: Groot Agtb: te bedden mij te beveelen of ik ook voor hun zal huijzen bouwen dan wel het daar toe benoodigde in gereetheid brengen laaten, op dat ik het door hun verzogt werdende, dan op uw wel Ed: groot Agtb: bevel afgeeven, ofbouwen kan dat anders zo te koomen, en ik 't zal moeten doen veel moeijte maaken zal. Ook neem ik de onderdanige vrijheijd Uw: wel Ed: Groot Agtb: te bedden zo het geschieden kan eene Comp: of eene halve Comp: Chipahies zo laate Clange lange de visitatie duuren zal dit heen te zenden om daermeede de stranden bij die geleegentheid beeter te kunnen bewaaken en op de aankoominde te laaten agt slaan, op dat niet in hun geselsche verdagte perzoonen dit heen mogten koomen en weggaan. Dan dewijl de addeponaar der parrewassen mij te kennen gegeeven heeft dat van de tien duijkers die onder zijne katte waaren, vier overleeden zijn en dat ik dat getal van de Chiankos duijkers, om het getal vol te maa„ ken neemen mogten neem ik almeede de Vrij- „heid het van wel Ed: groot agtb: Voortedraagen en om hoogst desselvs gunstige approbatie der„ weegen te bidden. Linnen tot het bekleeden van de noodige vust= huijzen heb ik niet en ook zal het linne het geen de wassers van de inwoonders neemen, ver„ =ve na niet toerijkende zijn als waarom meede ootmoedig bid dat dat, dit heen moge gezon„ den worden, zomeede eenige stukken tot het vergrooten der zeijden en het bij mijne nee„ drige van den 12. deezer verder g' eijschte benordig„„ =de tot de visitatie Ik heb door 't overige de hooge eere, med diep ont= zag te zijn /:onderstond / als vooren (was geteekend) C: F: Ebell /: in margine/ Manaar den 16. September 1791. Akkordeert Wijbrands HEgklerk het Ceilon Aan den Edelen Heer Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlandsch Indien mitsgaders Gouverner en Direkteur van dat Elland en desselfs on= derhoorigheiden Nevens den Raad. Kolombo Edele Erntfeste, Manhafte Wijze Voorzienige zeer Diskreete Heer en Vrienden. In vriendelyk antwoord op uwer wel Edelens geachte van den 29. September pass:o diend, dat wij de negotsi= aatsie van geld op assignaatsie apart met uwel Edelen al te nadeelig achten, en hier ook geene geleegenheid daar toe zouden vinden kunnen, in dat wij daarom den houder de obligaatsie van Vijftig duizend ropijen ten laste van uw weledelen Gouver„ =nement gedesponeerd hebben noch een jaar te mach ten „ten, in hoope dat wij als dan zullen in staat geso worden dezelve te voldoen waarmeede na Vriendlijke groete blijven /:onderstond:/ Edele Ernfeste Manh: wijze voorzienige zeer Diskreete Heer en Vrienden uwer wel Edelen Dienstwillige Vriend en Dienaaren /:was geteekend/ J: G: van Angelbeek. van Spall: A: 24. =nel /in margine/ koetsiem den 4. Februarij Akkordeert Wijbrands Egklerk 1791. Aan den wel Edelen Groot Agtbare Hoog gebiende Heer Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlands Jndia, mitsga= ders Gouverneur en Direkteur van het Eijland Ceylon met dies onderhorigheeden re r E Wel Edele Groot Agtbaare Hoog Gebiedende Heer Moet zeer ootmoedig om excus versoeken dat p=r een ongeluk aan den g' authoriseerden by het verzegelen van de brief onder dato den 17. ' deeser het Pappier waar op het wagt woord en Cijffer gesteld was daar uijt geslievt in eerstheeden morgen ontdekt, is waarom het zelve bij deeser d'eere hebbe wederom aantebieden Terwijl met gansch oolmoediegen. - - - . . . . onder= tekende /onderstond/ Wel Edele Groot Agtbaare Hoog Gebiedende Heer uwel Edele Groot Agtbaare Trouw= schuldigen Kolombo schuldigen Dienaar /was geteekend:/ J: F: Radelph /in margine/ Caliture den 19.' Febr: 1791. Hijbrands egklerk Akkordeert Culon o at nevolgens den laaste alliantie „ Aan den Wel Edelen Groot Agtbaaren Heer Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlands India Gou= Verneur en Derecteur des Gemelden Eylands te Custe Madure Nevens den Raad Colombo Wel Edele Groot Agtbaare Heer Heeren Nademaele Volgens de jongste narichten uit Europa van September en October 1790. , den oorlog tusschen Engeland en spanje onvermeidelijk voorkomt en gevol„ blijven „ den gelijk Vrankrijk daar niet konnende buiten met Engeland ook daar in kan gewikkelt raeken, vermee„ =nen wij het van onze schuldige plicht te zijn uwel Edelens van dit naricht kennisse te geeven als zelfs in de publicke Nieuws papieren bevestigt wordende ten einde daar van niet onkundig te zijn en som„ wil door een spaansche of Fransche Viste Vervasch Te en
English
and, which God forbid, be brought into any inconvenience. We are also giving notice of this to the chief at Trinkonomale, so that he may also be able to devise those measures which shall be necessary against a surprise attack. We consider writing to the ministers at Koetsgiem to be superfluous, since your Right Honourable, highly esteemed and honourable sirs, being so much closer, will surely know what is to be done in this regard should you judge it necessary. We commend the Company's precious interests and those entrusted to it into God's safe protection, having the honour to be with all respect, subscribed, Right Honourable and highly esteemed lord and gentlemen, your Right Honourable, highly esteemed and honourable sirs' very humble servant, signed, I: Eilbracht, I: S: de ka, I: I: Winchelmans, F: W: Bloeme, I: J: Flasz. In the margin: Palliacatta in Fort Geldria the 14th of February 1791. Agreed, Hijbrands, First clerk. Colombo To the Right Honourable, rigorous, highly esteemed lord Willem Jacob van de Graaff, ordinary council of Netherlands India, governor and director of the island of Ceylon with its dependencies, together with the council. Right Honourable, rigorous, highly esteemed, highly commanding lord! Constantly mindful, as faithful and honour-loving servants, to promote the welfare of the country, and thereby, over and above the pleasant satisfaction given by the consciousness of performing one's duty, also to merit your Right Honourable, rigorous, highly esteemed high approval, we were very sorry that the memorandum for the honourable acting Dessave Berghuis, inserted into our secret resolution of the 14th of February last, did not merit your Right Honourable, rigorous, highly esteemed high approval, the more so because the aim of the undersigned commander in submitting the said memorandum was truly by no means to put anything on paper that could be displeasing to the innocent or be taken by others as secret reproaches. The said memorandum was drawn up solely and given to the honourable Berghuis for his information, just as we trust that he will also have accepted it without, as may be expected of his discretion, communicating its existence, much less its contents, to others, in which case it is also certain that none of the inhabitants of Mature can be disturbed or unsettled thereby. The undersigned commander, understanding that in the present state of Ceylon attention must primarily be paid to promoting peace and quiet and rendering it steadfast, deemed it necessary to give the honourable Berghuis, who professed to be entirely ignorant regarding the state of the Dessavony of Mature, as much as possible an extensive instruction in everything in so far as the undersigned commander views and assesses the matters. And therefore he has personally and verbally conferred at great length with the honourable Berghuis about various matters relating thereto. In addition to this, the first undersigned thought it necessary to add in writing that which was essentially his thoughts concerning the conduct of the honourable Berghuis, not only to serve for his honour's memorandum, but also to be able at all times to provide authentic proofs of the first undersigned's opinion and conduct, since through a misunderstanding new misfortunes might easily arise, for the consequences of which the first undersigned always hopes to be unaccountable by being able to provide proofs of his conduct. Upon rereading the frequently mentioned memorandum delivered to the honourable Berghuis, we truly find nothing that, in our humble opinion, can be displeasing to the innocent and serve as a reproach to others, since the truly innocent are not included in the general pardon, and the guilty by the general pardon, and in so far as they wish to be included [illegible]. The recommendations which appear in the said memorandum regarding the latest unrest were intended solely to clear away everything that could leave any of the inhabitants of Mature in any doubt as to the actual good intention of the general pardon. Therefore it was recommended to the honourable Dessave Berghuis to give proof immediately upon his arrival that he no longer wishes to think of nor take into account the latest unrest. We are still in doubt whether in the latest unrest some of the principal headmen have not played their role, so we thought that speaking much about it could easily give rise to some reflection, since vindictiveness, which rarely sits still, might also have been too much fed if the honourable Berghuis had appeared as entirely ignorant. By that, all those could certainly have suffered who may, whether or not as victims of the truth, have sacrificed themselves and are still possibly ready to submit to strict investigation. Policy required, as we thought at the beginning after the unrest was settled by God's goodness, that no inquiries be made, however much would certainly have been discovered through a legal inquiry as to what the true origin of the unrest is to be attributed, and who those are that misled Mr. van Angelbeek. This policy certainly also caused your Right Honourable and rigorous sir to resolve recently to suspend all investigations. This does not take away from the fact that one must keep in memory what one knows, and as the undersigned commander must also fix his attention more on some and less on others, he considered himself obliged to forewarn Mr. Berghuis, and indeed in such a manner as is recorded in the said memorandum. This was done primarily in order to be active in his entrusted service.
Dutch transcription
en dat God. Verhoede in eenige ongelegen heit gebrack te worden Wij geeven hier van ook kennis aen het opperhoofd te Trinkonomale om meede die mesures te konnen leraamen welke tegen een onderhoedsche aenval nood= =zaekelijk zulden zijn. Het schrijven aen de Minis= =ters te koetsgiem houden wij voor overbodig nademaal Uwel Ed: Groot Agtb: en Edelens zo veel naeter byj dit nodig oordeelende wel zullen weeten wat de zelve hienr omtrent te doen staat Wij beveelen s Comp:s dierbaare belangen en die dezelve zijn toevertrout in Godes Veilige bescheming de eere hebbende met alle Respect te zijn /onderstond/ Wel Edele Groot Agtbaare Heer en Heeren uwel Edele Groot Agtb: en Edelens zeer Ootmoedige Dienaar /:was geteekend / I: Eilbracht, I: S: de ka I: I: Winchelmans, F: W: bloeme, I: J: Flasz: /in margine:/ Palliacatta In 't fort Geldria den 14. februaryj 1791 Akkordeert Hijbrands Egklerk Colombo Aan den Wel Edelen Gestrengen Groot Agtbaaren Heer Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlands India Gouverneur en Directeur van het Eyjland Ceilon met dies onderhoorigheeden, nevens den Raad Wel Edele Gestrenge Groot Agtb baare Hoog Eebiedende Heer! Geduurig bedagt om als trouwe en eerlievende dienaaren slands welvaart te bevorderen in daar door buijten en behalven de aangenaeme voldoening die het berust zijn van pligt betragting geefe ook uwel Edele Gestrenge Groot Agtbaare hooge goedkeurig te verdienen heeft het ons zeer leed gedaan dat de bij onze secreete Re„ =solutie van den 14. februarij Tomgse geinsereede Memorie voor de E. waarneemende Dessave Berghuis niet uwel Edele Gestrenge Groot achtbaare hooge goedkeuring heeft mogen verdienen, te meer wyl het rogmerk van Den den ondergeteekenden Commanduerbij het onderwerpen van„ dagte Memorie waarlijk geenzints geweest is, om iets t papieren te brengen dat den onschuldigen ongevalling konde zijn of door anderen voor geheime Verwijtingen genoomen worden; gedagte Memorie is alleen opgested en den E. Brghuis tot zijne narigt meede gegieven gelijk wij vertrouwen dat Hij dezelven ook zal geam hebben zonder, men mag dit van zijn discretie ver wagten aan anderen dies exsistentie no g minder die inhouden meede te deelen wanneer het dan ook zie =ker is dat niemand der Maturesche Jngezeetenen d over kan gestoord of ontrust zijn De ondergeteekende Commandeur begrijpende, dat in deeze teids gesteldheid van Ceilon voornaamentlijk gelet moet worden om Vreede en riest te bevorderen en standvastig te doen zijn achteden het nood zao kelf den E. Breghuis die betuigde nopens den staet der Matresche Dessavonie geheel onkundig te zijn van alles zo veel moogelijk eene uitgebreede onder rigting in zo verre de ondergeteekende Commandeur De zaaken beschouwt en beoordeeld te geeven en daarom heeft hij de E Berghuis perzoneel en mondelijk zeer uit gebreijd over het een of ander daartoe betreklijk onder= =houden, hier bij heeft de eerstgeteekende gemeend ook in geschrifte te moeten voegen het geen hoofdzakelijk zijne gedagten nopens het gedrag van den E. Berghuis naaren niet alleene om tot zijn E. Pro Memorie te dienen, maar ook om ten allen teide autentique bewijzen van des Eerstgeteekende gevoelen en gedrag te kunnen geeven, aangezien door een verkeerd begrip welligtelijk nieuwe onheilen konden ontstaan Voor welkers gevolgende Eeerstgeteekende door bewijzen van zijn gedraag te kunnen geeven altoos hoopt onverantwoordelijk te zullen zijn. Bij herliesing van meergemelde aan den E. Berghuis overgegeevene Memorie, vinden wij waarlijk niets dat na ons geringe oordeel den ontschuldigen ongevallen kan zijn en anderen tot verwijting strekken aangezien de waar„ lijk ontschuldigen niet in het Generaal- Pardon begreepen worden en de schuldigen door het generaal= e pardon pardon en zo vere zij in begreepen willen weesen geduz. De aan recommandatie die bij gedagte Memorie betreklijk de laatste onlusten voorkoomen, bedoelden alleen om alles uit de weg te ruimen mat den een of ander Matirga sche ingetseetenen eenige twijfel aan de werzentlijke goede goede intentie van het Generaal pardon konde overlaeten dierhalven is den E. Dessave Berghuis aan gereecom„ mandeerd om direct bij zijne komste blyken te geeven dat zig aan de laatste onlusten niet meer ge„ denken nog dezelve in aanmerking neemen wilte wij zijn als nog in twijfel of in de laatste onlusten niet eenige der voornaamste Hoofden hunne rol gespeeld hebben dus meenden wij dat veel daar over te spreeken ligt eenig nadenken zoude kunnen baa„ ren, daar de wraakzugt die zelden stil zit mor gelijk ook te zier gedoed zoude zijn geworden in dien den E. Berghuis als geheel Ignorant verscheenen was naar door zeekerlijk zouden hebben kunnen lyden alle de zulken die zig moogelijk, wel en„ „ opgeoffert moogelyk niet als slagtoffers der waarheijd tibt= =ben en als nog moogelijk gereed zijn, zig aan het strikte onderdoek te onderwerpen De staatkunde vereischde gelijk wg vermeenden in den bogin„ =ne na dat de onlustende door Gods goedheid gesteld waaren reeds om, hoeveel door een legaal ondersoek zeekerlijk ook zoude ontdekt zijn waar aan de waare oorspron„ der onlusten toeteschrijven is, en wie de geene zijn die den Heer van Angelbeek misleid hebben geene navorschingen te doen. Deeze staatskunde heeft uwel Edele Gestrenge Groot agtbaare zeeker ook doen besluiten om nu kortelings alle ondersoeken te staaken. Dit neemt niet weg dat men het geen men weet in geheugen moet houden, en wijl de on= =geteekende Commandeur op sommigen meer en op sommigen minder zijne attentie meede te moeten Vestigen; heeft hij zig verpligt geagt den Heer Berg ghuis te prevenceren en wel zodanig als bij gemelde Memorie bekent staat, dit is voornamentlijk geschied om Item in zijn aanvertroude dienst ben Werksaam
English
To be active and not too trustful; toward the well-intentioned we can be untroubled, whereas those ill-disposed may for now perhaps think precisely as they have determined in their intentions, and regarding which we cannot be careful enough. Upon this reasoning rests the Memorial given to Mr. Berghuis; and the first-signed Commander therefore humbly requests that if he has directed matters poorly, this may not be passed over him, but rather corrected, in order thereby to correct his thoughts and serve his Masters well. Meanwhile, he prays that his inadequate talents may always be viewed with a favorable eye, as he desires nothing more than to improve his shortcomings, toward which the favorable remarks of Your Right Honorable regarding his conduct will contribute not a little. With the highest sentiments of deep respect, we have the honor to be. In order to devise the best measures for carrying out Your Right Honorable's order, I have read and reread with all attention Your Right Honorable's official dispatch dated the [illegible] of this month regarding the division Noble, Stern, Right Honorable, High-Commanding Lord, Your Right Honorable's humble Servant /was signed/ P. Sluysken, I. Schede, Sprang, L. A. Hems, A. E. Delij, P. de Vos, C. L. Bran Galle, the 26th of March 1791. P.S. We hereby present to Your Right Honorable our Resolution of the 6th of this month upon a report of the Lieutenant of Artillery La Garde, containing what, according to his view, can be done in the course of this year on the newly projected outer works of this Fortress for the specified sum of 4,664 guilders, 1 stuiver, and 8 penningen. Van der Houdt of the Company's cinnamon lands among the cinnamon peelers, whereby it has occurred to me that this arrangement, insofar as these lands lie in villages that are mostly inhabited by Wellalas and castes higher than the Chalias, is perhaps not agreeable to the people of the Korales, in view of their aversion to the Chalias and the Chalias' usual conduct toward them, and regarding which I do not consider it necessary to be detailed, as it is well known to Your Right Honorable as to everyone. I am therefore apprehensive that this new arrangement, especially at the present time when the minds of the people in general are still unsettled, could very well have an adverse effect and agitate the peoples of the Korales, as experience teaches that matters of less importance have brought about such things, and of which apprehensions I consider myself obligated to inform Your Right Honorable, having resolved rather to disclose everything that occurs to me regarding the Company's and general interests where it belongs, than to make myself guilty of carelessness and inattention. I will also readily confess that Your Right Honorable will particularly oblige me by first beginning and putting into effect the cession and distribution of the Company's cinnamon lands to the Chalias in the Colombo Dessavony, where, should this succeed well, this example can then also more easily be followed here in Galle and subsequently in Matara; Your Right Honorable would oblige me all the more by this—do not take this sincere yet respectful declaration amiss—because this arrangement does not harmonize with my views, as my submitted papers regarding the cinnamon plantation have clearly demonstrated and it would therefore be unnecessary to repeat here. I hope that Your Right Honorable will grant me the favor of bestowing some reflection upon the contents hereof, and I have the honor to call myself with the requisite respect as above /was signed/ P. Sluysken / Galle, the 21st of April 1791. In respectful reply to Your Right Honorable's esteemed separate letters of the 16th and 17th of this month, this serves to state: That I have handed over the ordinance concerning the Brahmin Pri Sanksavie, who is on the ship Demarie, to Captain Paardekooper; having now repeatedly notified him, as I had already done upon his arrival, that he shall take care that no one enters into any conversation with him. The Aratchi and Lascorins who crossed over with this Brahmin will depart from here thither today or tomorrow. I have also duly received a bundle of papers concerning the investigation conducted at Matara, and after taking perusal of them, I shall send the same to Matara to be subsequently kept sealed in the secret cabinet there, pursuant to Your Right Honorable's orders. Just now I receive a separate letter from the Honorable Acting Dessave Berghuis, of which I hereby offer the copy to Your Right Honorable. The matter mentioned therein ought, in my humble judgment, to be handled more politically than according to the demand of the laws; since sodomy, as far as the Sinhalese are concerned, is for the greatest part unknown on this island, and I, insofar as the character of the country is known to me, am more apprehensive that a public and judicial execution of the delinquent will perhaps arouse as much curiosity and imitation as deterrence. I am also informed that
Dutch transcription
Werksaam en niet te vertrouwelijk te doen weesen voor de goede geintentioneerden kunnen wi sorgeloos zijn„ daar kwalijk geziende voor als nog moogelijk julst z zullen denken als dezelve in hunne voorneemens hebben bepaald en waaromtrend wij niet sorgelijk ge„ =noeg kunnen weezen. Op dit resonnement steunt de aan den Heer Berghus „gegeeven Memorie; en den eerstgeteekende Commandur versoekt dus needrig dat zoo hij zig knalijk bestuen„ heeft, hem zulks niet mag gepasseerd maar veel liever verbeeterd worden; om daar door zijne getag te corrigeeren en zijne Meesters wel te dienen Hij bid intusschen zijne onvoldoende talenten altoos met een gunstig oog te beschouwen, wil hij niets meer verlangd als zijnde gebreeken te Verbieteren, waartoe de gunstige op merkingen van uwel Edele Gestrenge Groot achtbaare nopem zijn gedrag niet wernig zullen bijdraagen. Met de meeste gevoelens van hoog achting hebben wij de eere te zijn. Om de beste maatregelen ter volbrengen van uwel Edele Gestrenge Groot agtbaare order te beraamen heb ik met alle attintie geleesen en herliezen rwal Edele Gestrenge Groot Agtbaare officieele missive in dato den deezer aangaande het verdeelen /onderstond:/ Wel Edelen Gestrenge, Groot Agtbaare Hoog Gebie= dende Heer uwel Edele Gestrenge Groot Acht„ baere onderdanige Dienaar /:was geteekend/ P. Sluijsken, I: Schede, Sprang, L: A=r Hems, A: E: Delij, P: de Vos. C: L: Bran /:in margine/ Pale den 26:e Maart 1791. /lager stond/ P: S: Wij bieden uwel Edele gestrenge Groot Achtb: bij deezen aan onze Resolutie van den 6: deezer op een berigt van den Luijtenant der artillerie La harde houdende wat naar zijn insien in den loop van dit Iaar aan de nieuwe geprojec= teerde buiten werken deezer Vesting voor de bepaalde som van ƒ 4664. 1. 8 zal kunnen gedaan worden. Van der Htondt Der der 'sComp:s kanneel- gronden onder de kanneel- schul„ lers, waarbij mijte binnen gekoomen is dat deeze schot =king, zoo verre deeze gronden in dorpen leggen, welke voor het meeste door wellales en hoogene kasta dan de sjaliassen worden bewoond, den Corls volkeren aange„ zien hun afkier voor de saliassen, en der Sjaliassen gewoon handelinge betreklijk hun moogelijk niet aan„ genaam is, en waer over ik niet noodig acte brui voerig te zijn als bij uwel Edele Gestrenge Groot agtbr =re gelijk een ieder, over bekend. Jk ben dus bedugt dat deeze nieuwe schikking voor den in den tegenwoordige teid daar de gemoederen des Volks in 't algemeen nog ontrust zijn, somen wel eene verkeerde uitwerking konde hebben end Corls volkeren in beweeging brengen gelijk de ondervinding leerd, dat dingen van minder be„ lang zulkx voortbragte en van welke bedugten ik mij Verpligt acte wwel Edele Gestrenge Prb achtbaare te onderrigten, als mij bepaald hebben liever alles wat my met betrekking tot 's Companies en algemeen belangen voorkomt, waar het behoord open te leggen, als mij aan zorgloosheid en onoplettentheid schuldig te maaken. Ik wil ook wel bekennen dat uwel Edele Gestrenge Groot agtbaare mij in 't bij zonder zal verpligten van met het afstaan en Ver= deelen der Companies kanneel-gronden aan de sjaliassen eerst in de Colombosche Dessavonie le beginnen en werkstellen te maaken, alwaar zulks wel reuseerende dit voorbeeld dan ook gemaklijker hier te Tale en vervolgens te Mature opgevolgd zal kunnen worden; uwel Edele Gestrenge Groot Achtbaare zoude mij te meer hier door Verpligten wijl neemt mij deeze hertelijke dog eerbiedige verklaa= =ring niet kwalijk deeze schikking niet met mijne begrippen harmonieerd, zoo als mijn overgelegde papieren aangaande de kanneel=plantagie duidelijk aangetoond hebben en dus onnoodig zoude zijn hier te herhaalen. liever Ik horpe dat uwel Edele Gestrenge Groot agtbaare mij de gunst zal bewijzen van „ den inhoud deezer eenige reftectie te slaan en hebde eere mij met de Verschuldigde eerbied te noemen /onderstond/ als vooren /:was geteekend/ P: Sluijkken / in margine / Sale den 21 April 1791. In eerbiedig antwoord op uwel Edele Gestrenge Groot Acht„ baare geeerde aparte brieven van den 16: en 17:e deezer diene by deeze, Dat ik de ordonnantie, betreklijk den op het schip Demarie bevindende Bramine Pri Sank savie, aan de Capitain Paardekooper hebbe over han„ digd: twans by herhaling aan kundigt zo als ik reeds bij zyne aankomst gedaan hebbe dat hij zorge zal draagen dat niemand in geen gesprek met hem treede De arraetje en Laskorijns die met deeze Bramen zijn overgekoomen zullen heeden of morgen van h na dernaards Vertrekken. Ook is bij mij zier wel ontvangen een beendel papieren betreklijk het ondersoek te Mature gedaan, zullende ik dezelve na genoome lectura na Mature zenden om Vervolgens ingevolge uwel Edele Gestrenge Groot Achtbaare beveelens verzegeld in de secreete kas al= daar bewaard te worden. zo even ontvang ik een aparte brief van den E. naarneemen dessave Berghuis, waar van ik uwel Edele Gestrenge Groot achtbaare het afschrift bij deeze aanbiede. - De zaak daarbij vermeld diend na mijn gering oordeel meer staatkundig als na de eisch der wettent behan„ deld te worden; aangezien sodoms zoude wat den singalees aangaat, op dit Eiland voor het grootste gedeelte onbekend zijn, en ik, zo verre mij de Landaard bekent is, meer bedugt ben dat eene public„ =ke en Regterlijke te regtstelling van den zondaan moogelijk zoo veel nieuwsgierde en navolging als afschrik zal verwekken. Oook ben ik onderrigt Ook Dat
English
that Ensign van Rhamel is a son of one of the first servants of state of the Kingdom of Denmark, the Count of Schmettau, a very meritorious minister who certainly deserves every consideration. It seems to me, with submission to Your Right Honorable, Most Respected pleasure, that it will be best to send the said van Rhamel away from Ceylon, as has also taken place before, with a notification never to presume to set foot on the Company's territories. I have written to the Honorable Berghuis to send van Rhamel, after he has been bought off by Metter, to Talé; meanwhile I shall await Your Right Honorable, Most Respected discretion concerning this, having the honor to remain with the dutiful sentiments of high esteem, was undersigned as above, was signed P. Sluijsken, in the margin Pale the 20th of May 1791. After the receipt of Your Right Honorable, Most Respected honored letter of the 18th of this month, having summoned the Bandare to me and notified him that Your Right Honorable, Most Respected, upon his request to have a passport ola to the Kandyan territory, had ordered that he should at once come over to Colombo, he very urgently requested me to be excused from this journey, it being of the greatest weight for him and even for the Honorable Company that he continue his journey directly from here, furthermore relating to me several matters of very great importance if they prove to be true, in order to substantiate his claim, such that I thought it most prudent to have his accounts repeated before two members of the Council, the Master of Equipage Hems and the Pay Bookkeeper Martheze, who understands the Sinhalese language perfectly, and to keep a record thereof, which was indeed done, and even today, by way of verification, the record was repeated and confirmed by him. I offer this record in copy herewith to Your Right Honorable, Most Respected, at the same time respectfully requesting to be informed of Your high pleasure, while in the meantime I have ordered the Bandare to hold himself ready to undertake the journey on the first order to Colombo or wherever Your Right Honorable, Most Respected finds advisable. With the dutiful sentiments of high esteem I have the honor to be, was undersigned as above, was signed P. Sluijsken, in the margin Pale the 22nd of September 1791. Having asked my Porta Maha Mudaliyar Don Balthazar Dias, who before and earlier than when I went to Matara in the past year read almost all the incoming olas brought to me, whether he possibly remembered that a few days before the latest gathering in the Matara Dissavany a complaint ola was brought by Don Simon Aratchi and Nerlanpitti Aratchi written in the name of all the people from the Kandebodapattu, he testified to me that he knows of no other such ola than the ola containing several complaints against the deceased Mohandiram Manamperie which had come in and had been assigned for investigation by the then Commissioners van Schuler and de Vos. Because it might sometimes be that the ola indicated by my Mudaliyar is the same one that is requested by Your Right Honorable, Most Respected in Your letter of the 15th of September last, I took the liberty to send a copy thereof herewith, although it is not noted therein that Don Simon Aratchi and Nerlanpitti Aratchi are the authors thereof, and I also believe to know for certain that this ola was only brought here after the revolt in the Matara Dissavany was already underway. I further have the honor to be with the dutiful sentiments of high esteem, was undersigned as above, was signed P. Sluijsken, in the margin Pale the 10th of October 1791. The copy of a translated complaint ola mentioned in my letter of the 10th of this month having been left behind by an oversight, I take the liberty of transmitting the same herewith, while I request a favorable pardon and have the honor to be with the dutiful sentiments of high esteem, was undersigned as above, was signed P. Sluijsken, in the margin Pale the 21st of October 1791. We have the honor, in compliance with Your Right Honorable, Most Respected highly honored command by letter of the 29th of November last, to accompany this with the papers requested therein and sent to us with Your letter of the 17th of May last concerning the investigation conducted by the Colombo First Sworn Clerk Ibrands before two Landraad members at Matara regarding the accusations against some prominent native chiefs. The remainder of gunpowder both here and at Matara amounted on the ultimo of September last to 94499 5/8 lb, of which we have the honor to give respectful notice herewith to Your Right Honorable, Most Respected; and furthermore to call ourselves with all high esteem, was undersigned as above, was signed P. Sluijsken, S. Schede, in the margin Pale the 16th of October 1791.
Dutch transcription
dat den vaendrig van Rhamel een soon is van der eeste staat dienaeren van het koningrijk Denemarken, den Graave van Schmettauw, en zeer Verdienstig Minister die zeekerlyk alle consideratie verdiend. Mij dunkt dan met onderwerping aan uwel Edele„ Gestr: Groot Achtbaare geeerde welbehaagen, dat het best zal zijn gemelde van Rhamel van Ceilon gelijk te vooren ook wel plaats gehad heeft wegte zenden, met aankondiging van zig nooid te onder staan een voet op 'sCompagnies territoiren te Zitten. Jk heb den E Berghuis aangeschreeven om van Rha= mel, na dat hij door Metter zal afgekost zijn dittes na Talé te zenden, intusschen zal ik uwel Edele Gestrenge Groot achtbaare goedvinding hier omtren vernagten hebbende de eere met de verpligte gevoelen van hoog achting te zijn /onderstond / als vooren (nat geteekend:/ P: Sluijsken /in margine/ Pale den 20 Mai 1791. Na den ontvangst van uwel Edel gestrenge Groot achtbaare geëerde letteren van den 18 deezer den Bandare by mij geroepen en hem aengekondigd hebbende, dat uwel Edele Gestrenge Groot Achtb: op zijn verzoek om een paspoort=ola na het kandiasche te moogen hebben gelast hadden dat by ten eersten na Columbo zoude overkoomen heeft by mij zear instantig verzogt van deelze reize geëxcuseert te worden zijnde voor hem en zelfs voor de Ed: Comp:e van het grootste ge= =wigt dat hij van hier direckt zijne reize voort„ zetten, mij voorts om zijne voorgeeven te staaven verscheide dingen, van zeer veel belang, zoo ze waar - gemaekt worden, verhaalende, zodaanig dat ik voorsigtigst gedagt heb, om zijne ver= tellingen, voor twee leeden uitden Raad de Equipagie meester Hems en de zoldij boek- houder Martheze die het singaleesche vol= koomen verstaat, te laaten herhaalen en Aan als vooren en den Raad Jan daer Aan als Vooren daervan aenteekening te houden, gelijk dan ook geschied, en nog heeden bij wijze van recollement het aengeteekende door hem herhaald en bevestigd is Ik biede uwel Edele Gestrenge Groot achtbaare deeze aen„ teekening hiernevens in afschrift aen, tevens ur= biedig verzoekende mij van hoog desselfs welbehae„ gen te willen onderrigten, terwijl ik intusschen de Bandare gelast heb om zig gereed te houden op de eerste order na Colombo of waar uwel Edel Gestrenge Groot achtbaare geraaden vind te kun nen op reis gaan. Met de verplichte gevoelen van hoogachting heb ik de eere te zijn /:onderstond/ als vooren /was getee„ kend/ P: Sluijsken /in margine/ Pale den 22' Zeptember 1791. Mijnen porta Modliaer Don Balthazar Dias die voor en al eer ik in het gepasseerde Iaer na Mature geweest ben meest alle de aankomende olas, die bij mij aengebragt zijn geleezen heeft gevraegd hebbende of hij zig mogelijk herrin= nerde, dat eenige daegen voor de Jongste Zaemen- rotting in de Maturesche dessavonij eene klagt ola aengebragt is door Don Simon Aratje en Nerlanpittij Aratje uiit naem van alle het volk uit de kandebaddepattoe geschreeven heeft mij daer op betuigd dat hy van geen ander dier= gelijken ola weet dandrola, die verscheide klag„ =ten teegen den overleeden Mohandiram Manamperie was ingekoomen en die door de toenma= lige Commissarissen van Schuler en de Vos ter onderzoek was opgedraagen. Wijl het zomtijds mogte zijn dat de door mijnen Mo= diliaar aengeduijde ola dezelve is die door uwel Edele Gestrenge Groot Achtbaare bij hoog derzelve brief van den 15:e September Jongstleeden gevraagd „word, naem ik de vrijheid daar van een afschrift bij deelze overtezenden, hoewel daerbij niet bekend aenkomende Staat Aan als Vooren Aan als Vooren Aan als Vooren staat, dat Don Simon Aratje en Nerlanpittij Arratje de Autheurs daer van zijn en ik ook zee„ ker meene te weeten, dat deeze ola eerst na dat de revolte in de maturesche dessavonij reeds aan de gang was, hier aengebrgt is. Ik heb voorts de eere met de verplichte gevoelen van hoog achting te zijn /:onderstond/ als vooren /:was geteekend:/ P: Sluijsken /in margine / Paleden 10e October 1791 Het bij mijn brief van den 10=e deezer vermelde afschrift van een translaat klagt ola bij verzlijm leggen gebleeven zijnde neem ik de vrijheid het zelve bij deezen overtezenden, terwijl ik om eene gunstige verschooning verzoeke en de ure hebbe met de Verplichte gevoelen van hoog„ achting te zijn /onderstond / als vooren /:was ge„t P. Sluijsken /in margine/ Pale den 21. October 1791. Wij hebben de eere in voldoening van uwel Edele Gestr: Groot Achtb: hoog geeerde bevel bij brief van den 29:' November J:o Leeden deese te laaten ver= zetten van de daar bij gevraagde en aan ons bij Hoogst Desselfs missive van den 17: Maij J:o Leeder toegezondene papieren van het door den Colombosche Eerste geswooren klerk Fbrands voor twee Land raads leeden te Mature gedaan onderzoek weegens de beschuldigingen teegen eenige Voor- naame Jnlandsche Hoofden. Het Restand van Buskruijt zo hier als te Mature bedroeg onder ult=mo 7ber J= Leeden 94499 5/8 lb: naar van wij de erve hebben uwel Edele Gestrenge Groot Achtb: bij deeser eerbiedig kennis te geeven; en Voorts ons met alle hoog achting te noemen /onderstond/ als vooren /:was geteekend:/ P: Sluijsken S: schede /in margine/ Pale den 16. October 1791. Aan Met
English
To the same as before To the same as before With the most dutiful sentiments of high esteem, we have for the rest the honor to be /below was written/ as before /was signed/ P: Sluijsken, [illegible], L: Hems, N: B: Martheze, C: F: W: Delnitz, J: J: Estandau, P: De Vos. /in the margin/ Pale, the 1st of December 1791. We have the honor finally to let this serve to accompany copies of a letter received at Mature just now from the Honorable servants, and the unsigned Sinhala ola account mentioned therein as translated, and for the rest with all dutiful sentiments of high esteem to be /below was written/ as before /was signed/ P: Sluijsken, I: Sch[illegible], M:r Van der Spar, L: Hems, N: B: Martheze, [illegible] Estandau, A: E: de Lij. /in the margin/ Pale, the 8th of December 1791. In compliance with Your Noble Right Honorable Rigorous order by letters of the 25th of this month to state what has given cause for repeated complaints regarding the Mandate-ola and the General Pardon, according to the extract sent to me from Their High Nobles' secret letter dated the 15th of June last, containing literally: That with respect to the Mandate-ola of Sluijsken and the General Pardon, matters do not appear to have been handled as their strict content and intention required, in such manner that Sluijsken repeatedly complains that no settlement of the complaints is pursued, and what is prescribed in that ola is not observed. Would it be necessary to set down below a recapitulation of all that happened since the 15th of June 1790 concerning the Mature unrest, or to send copies of most of the letters and papers exchanged back and forth during that time, to which, for the sake of brevity and to avoid a lengthy report, I respectfully take the liberty to refer Your Noble Right Honorable Rigorous Sirs? From these consecutive records, I trust and hope that Your Noble Right Honorable Rigorous Sirs will sufficiently be able to review my submitted proposals and complaints of that time; but if Your Noble Right Honorable Rigorous Sirs should desire a more detailed repetition of all that has occurred in this matter, I then very respectfully and earnestly request that you grant me as long a delay as I will need to search for and recall all the papers relating thereto, for which the secretary of Albedghl, who has already been in Colombo for upwards of two months, could be of great assistance to me, having witnessed everything from the beginning of the unrest at Mature; for which reasons, then, I once again and repeatedly pray that he may be sent back here, unless Your Noble Right Honorable Rigorous Sirs suppose that in the discharge of my official duties and zeal for the Company's interests, I must be stripped of all confidants and assistance and must against my will manage with, among others, the first-sworn clerk Gratian. I remain with dutiful high esteem and respect /below was written/ as before /was signed/ P: Sluijsken /in the margin/ Pale, the 28th of December 1791. Agrees. Sijbrands First Clerk To the Honorable Political Council Colombo Gentlemen, Since our last meeting, I have learned nothing further from Kandia than that the Dessave of the Three and Four Korles is said to have departed for Hannanoer, and that a few days ago he is said to have summoned a party of coolies from the Four Korles. How far these rumors are true, they may perhaps be attributed to the threatening activities with which the Court has seemingly been occupied for some time; yet because it could also very well be otherwise, and because the rumors still persist that if anything happens, it will be shortly after the Sinhala New Year, I therefore think—and because, considering the already far advanced season, there is no more time to lose if Governor van Angelbeek is still to arrive in Ceylon during this sailing season—that the request to His Honor to come over for a brief visit ought now to be made immediately, pursuant to and in accordance with our resolution already taken to that effect. If Your Nobles consequently find that you can decide upon this further proposal of mine to make this request immediately, then Your Nobles please do so, the sooner the better, and order that a sloop be prepared at once to convey the letter drafted to that end, along with a copy of this my letter, to the said Mr. van Angelbeek at Tutukorijn, with orders to the servants there to forward them with the utmost speed to Cochin. Tomorrow I intend to go and inspect the situation at Tammerawille; the day after tomorrow I intend to depart for Moegoeroegampelle and from there to Attenegalle, in order to survey in person the places where military detachments ought to be stationed in the Hapittigam and Zina Korle to cover these two Korles, should matters with Kandia come to actual hostilities. According to all incoming reports, the Company's inhabitants in the Korles are reasonably well-disposed, at least insofar as that, if we protect them against the violence of the Kandyans, we may expect their obligated services from them. After cordial greetings, I remain with all respect /below was written/ Your Nobles' good and obliging friend /was signed/ W: I: van de Graaff. /in the margin/ Nigombo, the 30th of March 1791. It would not be amiss if Governor van Angelbeek were requested to add, if possible, a company of the Cochin sepoys to Ceylon. Agrees. Examined. Wachtberg Sijbrands First Clerk
Dutch transcription
Aan als Vooren Aan als Vooren Met de verschuldigste gevoelen van hoogachting ben wij voor het overige de eere te zijn /onderston als vooren /was geteekend/ P: Sluijsken, 3 =de, L: Hems N: B: martheze, C: F: W: Del nitz, J: J: Estandau P: De Vos. /:in marga Pale den 1. December 1791. Wij hebben de eer deeze einelijk te laaten dienen t gelijde van afschriften van een 20 even van de E dienden te Mature ontfangenen Brief van het daarbij vermeld Translaat singaleesch ongeteek Relaas ola en voor het overige met alle versche„ =digde gevoelen van hoogachting te zijn /onderbom als Vooren /:was geteekend/ P: Sluijsken, I: Sch M:r Van der SparL: Hems, N: B: martheze, of: of: Estandau, A: E: de Lij. /:in margine/ Pale, den 8' December 1791. Ter voldoening aan uwel Edele Gestrenge Groot Actb order bij brieven van den 25. deezer om oplegeeven, wat oorsaak gegeeven heeft, tot herhaald klaagen ten op= zigte van de Mandaat-ola en het Generaal Pardon naar Volgens het Extract my toegezonden, uit hun Hoog Edelheeden, secreete brief in dato 15. ' Iuni laast leeden, inhoudende letterlijk, Dat ten op zigte van de Mandaat- ola van sluijsken en het generaal Pardon, uiet zodanig schijnt gehandeld te zijn als des„ selvs strickte in houd en intentie meede bragt, in diervoegen dat sluijsken herhaald klaagd, dat men geen afdoening der klagten betragt, en het Vooschreve„ =ne bij die ola niet word nagekoomen. zoude het nordig weesen eene weeder herhaeling van det het gebeurde zeedert den 15. Iuni 1790 betreklijkt de Maturesche onlusten hier onder needer te stellen of wel copijen te zenden van de meeste in die tijd over in weeder gewisselde brieven en papieren, naar aan ik kortheidshalven, en om een wijdloopig be„ rigt te vermijden eerbiedig de vrijheid neeme uwel„ Edele Gestrenge Groot achtbaare overtewijzen Uijt order welke ƒ welke successive ik vertrouwe en hoope dat uwel„ Edele Gestrenge Groot Achtbaare genoegsaam mijne gedaane voorstellen en klagten van dien teid zal kannen nagaan, dog bij aldien uwel Edele Gestringe Groot achtbaare eene gedetailjeerder herhaaling van at het gepasseerde in deezen mogte begeeren, zoo versoeke ik zeer eerbiedig en instantelijk mij zoo een lang uitstel te geeven, als ik noodig zal heb„ ben om alle de daartoe betreklijke papieren te kunnen opzoeken en herinneren, waar toe mij den secretaris van Albedghl die naweerds al ruim twee maanden zig te Colombo bevind zeer behulpig zoude kunnen weesen, als van den be„ ginnen der onlusten op Mature alles meede by= gewoon hebbende om welke reedenen dan, ik nogmaals en bij herhaaling bidde, dat hij weder herwaards mooge worden verzonden, ten Lij uwel Edele Gestrenge Groot achtbaare verondersteld„ dat ik in de beoeffening mijner amptspligten en iever voor 'smetsters belaagen van alle ver„ trouwelingen en hulpe moet ontblood zijn en mij teegen wilen dank moet behelpen onder andere met de Eerstgeswooreklerk Gratian. Ik ben met verschuldigde hoogachting en eerbied /: onder„ stond / als vooren /:was geteekend/ P: Sluijsken / in margine:/ Tale den 28. December 1791. Akkordeert Dijbrands eireerk trouwelingen Aan den E. Politieken Raad Kolombo Mijne Huren zedert onse jongste bij eenkomst, heb ick niet naders uijt kandia vernomen, dan dat de Dessave van de drie en vier korls zoude zijn vertrokken na hanna- =noer, en dat hij voor weinige dagen, een partij koe„ =lies zoude hebben opentboden uijt de vierkorls. Hoeverre deze geruchten waar te zijn, zijn ze mischien te stellen op reekening der dreigende bedrijven, naar meede het hoff zig een tijd lang, heeft schrijven bezig te houden, dan weil het ook wel anders zoude kunnen zijn, en dat zig nog altijd staande houden de gerugten, dat zo ver iets wor= Valt egneert het zal zijn kort na het singaleze nieuw jaar zoo den ke ick daarom, en om dat 'er aangezien het reeds verre gevordert saison. , geen tyd meer te verliesen is zoo den Heer Gouverneur van Agel„ beek nog in deze vaarbaare tyd zal op Ceilon koomen, dat als nu aan zijn Edele het verzoek om voor een springtogt te willen overkoomen, dadelijk zoude dienen te geschieden ingevolge en overeenkomstig ons bereeds daartoe genoomen besluit zoo uwel Ed: mitsdien bevinden op dit mijn nader voorstell te kunnen besluiten tot het dadelijk doen van dit verzoek dan gelieve uwelEd: dat te doen hoe eerder zoo beter, en te be„ lasten dat er ten eersten een sloep worde in gereedheid gebragt om de brief ten dien einde ge„ =rigt met een kopij van deze mijn brief aan wel gemelde Heer van Angelbeek na Tutukorijn overtebrengen, met last aan de bediendens aldaar om ze ten allenspoedigsten te verzenden na koelsen Ick denk morgen de gelegentheid van Tammerawille te gaan zien overmorgen denk ik te vertekken na Moegoeroegampelle en van daar na Attenegalle om in perzoon opteneemen de plaatsen daar in de Hapittigam en zina korl zoude dienen te worden geligt de Militaire Detachementen tot dekking dezer twee kores, zoo het met kandia tot dadelijkhee„ den koomen mogt volgens alle ingekoomene be= rigten, zijn skomp:s ingezeetenen in de Korls tamelijk wel gezint, ten minsten in zoo verre dat, indien we dezelve tegens het geweld der kandianen beschermen, we van hun hunne verpligte diensten te wagten hebben Ik ben na vezendelijke groete met alle agting /onder stond/ UE: goeden en dienstwilligen vriend /was geteekend/ W: I: van de Graaff. / in margine/ Nigom bo den 30 Maart 1797. Het was niet knaad in de hier Gouverneur van Angelbeek wierd verzogt om ceilon des mogelijk, een komps van de koetsiemse si= „paijen te willen bijzetten:— Akkordeert Nagezien Wachlberg Sijbrands Egreerk igneert Ick
English
Separate Secret To the Right Honourable Sir Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon with its Dependencies, together with The Council. Right Honourable Sir and Gentlemen, Having just now received here the enclosed important news regarding the very critical state of affairs in Europe, I have deemed it my unavoidable duty to give direct notice thereof to Your Right Honourable and Worships, with a humble request to directly inform me what Your Right Honourable and Worships think of it, in particular of the fatal lot that our Company has had to give up its affairs as bankrupt, so that if necessary I may guide myself accordingly in devising means for 1792, since Your Right Honourable and Worships will certainly be more closely informed of the Company's state and finances, in order to conjecture from that how far one may give credit to this sad report. I have the honour to be with all high esteem, below stood: Right Honourable Sirs, Gentlemen, Your Right Honourable and Worships' most obedient servant, signed Jacob Eelbragt, in margin Palicatta and the fort Geldria the 21. 7ber 1790. Agrees, Hijbrands, First Clerk, Colombo. Duplicate pettij and Maunaar Colombo. The toddy and arrack tavern within the castle, in the town, outside the Caymans Gate, and the Galle Gate, these both farmed out together for d 18600 – 16900 – 1700 The bazaar farm – 2150 — 2500 – 350. The fishery inside and outside Colombo, these both farms farmed out together for 10200 –. 9750. – 450 ditto of Maturaal – 950 — 875 – 75 ditto Galkisse – 835 — 825 — 10 ditto Morottoe – Alfandigo farm – 7900 – 7700 – 200 Garden Tanquesalgado, farmed out in the year 17 3/3 for ten years, yearly for 925 — 925 ditto Biagam, farmed out in the year 17 8/94 for five years, yearly for 350 — 350 ditto Palanchene, farmed out in this year for ten years, yearly for 167 – 145 – 22 ditto at Galkisse, farmed out in the year 1788/9 for ten years for 30 leagers of arrack yearly, at rds 28 the leager 1064 -. 1064 ditto Kalawille, farmed out in the year 178 8/9 for ten years for 16½ leagers of arrack yearly, at rds 28 the leager 462 – 462 Toddy and arrack tavern at Hangwelle, farmed out in the year 178/9 for ten years, yearly for 330 – 330 Stone quarries of Titavake – 36. – 80 – 44. ditto at Kaloepaloewawe – 12 - 14 — 2 ditto Rauwelle – 10 — 10 ditto Kaloekandawe, Bellende, Ambegodde and Karnagelle – 8. – 3. ditto from two small pieces of land situated in the villages Hangwelle and Miminekolledenie 12 — 12 Farm of the absent oeliadoren not farmed out. Total - rds 4011 – 41943-. 2467. –. 399 - Chilaw. The alfandigo farm - - - - rds 250 —. 385 — 135–. Arrack farm, estimated at rds 1077: put – 677- 500 – 177–. Tobacco farm – 700 – 700 Salt pans, not farmed out in this year – 430 – 430 Garden at Marawille – 70 – 15– 55 ditto Kaimelle, not farmed out in this year – 20 – 20 Total rds 1697. 2050 – 232 – 585-— The import of piece goods at Colombo, Galle, Mature, Kalpetty and Manaar – Rds 32000 —. 33500 –. 1500: The chank diving at Jaffanapatnam, Manaar and Kalpetty – 11000 —. 12550 -. 1550 Total - rds 43000. –46050 - 3050 –. General Return of the farmed-out Domains of the Government of Ceylon for the book-year 179½ compared to that of 17 89/0. 17 7/92 17 3/1 17 3/92 more. less.
Dutch transcription
Apart Cecreet Aan den wel Edelen Groot Achtb Heer Willem Jacob van de Graaff, raad ordinair van nederlands India Gouverneur en Directeur van het Eijland Ceijlon met dies onderhoorigheeden nevens Den Raad. Wel Edele Groot Achtb: Heer en Heeren Soo even alhier ontvangende het ingesloten impor„ land nieuws wegens Heer Criticque omstandigheeden van Zaaken in Europa hebbe ik het van mij onvermidelij„ „ke pligt geoordeeld uwel Edele Groot Achtb: en Edelens„ daar van direkt kennisse te geven met nedrig verzoek om mij direct tewillen informeeren wat uwel Edele groot Agtb en Edelens daar van denken, in zonderheid van het nood lot dat onse Compagnie, haare zaaken, als bankeroet, heeft moeten opgeven, om des noods mij daar na te konne rechten in 't beraamen van mid„ delen „ voor 1792. dewijl uwel Edele Groot Achtb en Edelens Deeker nader zullen geinformeerd zijn van sComp. staat en financien, om daar uijt te Confectureeren in hoe verre men aan deze droewige tyding geloof mag geven. Ik hebde eere met alle hoog agting te zijn /.onderstond:/ wel Edele Groot Agtb Heeren Heeren uwel Edele Groot Achtb en Edelens zeer gehoorzame Dienaar /.getekend/ Jacob Eelbragt /:in margine Palicatta en het forb geldria den 21. 7ber 1790 Akkordeert Hijbrands Eiklerk Colombo duplicaat = pettij en Maunaar - - - - - - - Kolombosche. deeze bei¬ De Zurie en arraks tapperij binnen het kasteel- in de stad buiten de kaaimans ten ttezaa„ pagt voor d 18600 – 16900 – 1700 - - - een gaalsche pooten - - - - - - - De bazaar pacht - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 2150 — 2500 – : – - - - 350. – De visserij binnen en buiten Kolombo deeze beide pachten te „ d=o van Maturaal - - - }zaamen verpagt voor „ 10200 –. 9750. – 450 – – – – 75 – - 875– 950 — d=o „ galkisse - - - - - - - - - - - - 10 — 835 — 825 — d=o— „ Morottoe - - - „ Alfandigo pacht - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 7900 – 7700 – 200 – Tuin Tanquesalgado in A=o 17 3/3: voor tien Jaaren verpagt, 925 — 925 – sJaars voor- „ d=o Biagam in N=o 17 8/94: voor vijf Jaaren verpagt 'sjaars voor„ 350 — 350 — - d=o Palanchene in dit Jaar verpagt voor tien Jaaren, „ 167 – 145 – 22 - sjaars voor - - d=o te galkisse in Ao 1788/9: verpacht voor tien Jaaren voor 30: leggers arrak sjaars, â rd=s 28: de legger „ 1064 -. 1064 – „ d=o kalawille in A=o 178 8/9. verpacht voor tien Jaaren voor 16½. leggers arrak sjaars, â rd=s 28: de legger „ 462 – 462 – „ Zurie en arrakstapperij te Hangwelle in Ao 178/9. voor tien Jaaren verstacht sjaars voor – – - - - - - „ 330 – 330 – – – – „ steengroeven van Titavake - - - - - - - - - - - „ 36. – 80 – – – – – 44. – d=o — te kaloepaloewawe – - - - - - - - - „ 12 - 14 — — . 2– „ 10 — — – 10 — — „ Rauwelle - - - - - - - - - „ d=o — „ kaloekandawe, Bellende, Ambegodde en do 8. – „– 3. — karnagelle - - - - - - - - „ d=o — uit twee stukjes gronden geleegen in de dorpen Hangwelle en Miminekolledenie „ 12 — 12 — pacht van de absente oeliammers niet verpacht.„ „ Teld - rd=s 4011 – 41943-. 2467. –. 399 - Silausche. 135–. - - - - rd:s 250 —. 385 — - De alpandigo pacht - - -- arraks pacht gemeind voor rd=s 1077: stelle – – – - „ 677- 500 – 177–. – – – – „ 700 – 700 – – tabakspacht - - - - - - - - - zoutpannen, in dit Jaar niet verpacht – - - - „ — - 430 – – – – - 430 – – – – – – – – – – „ 70 – 15– 55 – – – -- tuin te Marawille - - - - - d=o — „ kaimelle in dit Jaar niet verpagt – „ — - 20 – - - - - - 20 – - Teld rd=s 1697. 2050 – 232 – 585-— „ „ d=o — „ d=o De invoer van lywaaten te kolombo, gale, Mature; kal„ Rd=s 32000 —. 33500 –. - De Sjankos duikerij te Jaffenapatnam, Manaar en kalpetty. „ 11000 —. 12550 -. Teld - rds 43000. –46050 - 1500: — 1550 — 3050 –. Generaal Rendement van de verpagte Do mainen van het Gouvernement Ceilon van het boekjaar 179½. vergeleeken tegens dat van 17 89/0. 17 7/92 17 3/1 17 3/92 meerd=r. mindt. „ „ „ -- - -.
English
The suri and arrack tavern - - - - - - - The fishery from Alikan to Berberij - - - - - ditto — Wakgalmodere, Pitigal and Sitattoe - - rds 26: The fishery of Gindere and Mahamodere - - - - - - rds 25. 25 — The suri and arrack tavern inside the city - - - - - - - - - rds 1400. - 2030 – - - - - . 630 – Negombo Kalutara garden and the tavern within the gravets of Kalutara ditto — Makoene and Paijagelle Jaffnapatnam passage of the passes Kolombogammo, Katchiai and ditto — Aralie - - - - The fishery in the passes within the four provinces and the islands - - - - The fishery in the salt river near Magamale – - rds 100 – 80 - 20 - - - - - The fishery at Katkowelan - - - - - - - The suri and arrack tavern of Kaits - – – – - - rds 145 — 140 – ditto ferry from Punto Pedro and Kaits to the opposite shore rds 45 - 45 - - - - The brokerage in tobacco and jaggery sugar – – - - rds 5000- 4650 – 350 - - - - - The stamping of foreign cloths - - - - - rds 4650 - 3700 - 950 - - - - - - The fishery along the border of the Vanni - - - - The alfandiga lease - - - - - - - - - - - The stamping of domestic cloths - - - - - - rds 11000 - 11100 – - - - - 100 – Navanture - - - - - - - - rds 1400 — 1325 – ditto in the nine salt pans - - - - - - rds 640 – 560 – 80 – – - - - The grand bazaar and all other markets - - - - - rds 2075 rds 2640 – 235 – - - - - ditto ditto Kooylankandie - - - - - - - rds 1340 – 1175 – 165 – – – –– Kakadivoe - - - - - – – - - rds 870 – 780 – 98 – – – – ditto Nagerkooil - - - - - - - - – – – – - rds 450 – 450 – – – – – – - Patjelepalle - - - - - - - - - - - - – – – rds 3100–. 3575. – – - - - . 475 — fish market of the castle - - - - - - - - - rds 3400 – 3200 – 200 – – - - - ditto under Kolombogammo - - - - - - - - - rds 2950 – 2575 – 375. – - - - -- The breeding of cattle – - - - - - - - - - rds 42. – 35 – 7. – – - – Mannar. The kraals of the cattle - - - - - The transport of bulls or pack animals - - - - - rds 75. — 62- The sown tanks - - The import of grains from the up-country The stamping of Lugaar cloths – - - - - - rds 2510 -2250 – 260 – – - – - 371 -. 545. – ditto ditto inland waters of the Girrewais- river of Matara - - - - ditto — ditto — Diekwelle, Bamberende and Wellebaddepattae - - - - rds 2. Nielwelle – – – – – – rds 112. 81: – 31: D'oudure - - - - Matara. fish lease of Belligam - - - - quarries - salt pans of Banoa farmed out for this year rds —„— rds 1120. — – – – . 1120 – Betel gardens - - - ditto Pidie or various dues. - - - - - - - - - - rds 559:14: 456:12: 103:12: — —: pigtail tobacco - - - - - - - - - - The fishery of Matara, D'oudure and Mirisse - - - rds 1665— 1845:– arrack lease - - - - - - - - - - - - - - chewing tobacco - - - - - - - - - - - - - - - rds 131. – 200 – – - -. 69: — bridge toll of Matara - - - - - - - - rds shore duty of Tangale – – – - – – – rds 737. — 188. — 149. – – ditto 15 - - - - rds rds 15 – — -. 1: 24 — 1:24 Total - rds 12726:24: 12057: 24 586:— 717 180 — 136 — - - rds 941. – 805 — 35. — —— 4. – – -- 3: 24.:— -rds 1:24: 5. — rds - 2: 24— 8 --- rds rds 60½ 53. -. 7. - - 24. — — -- - – – rds 1435:— 1400 – Koottegodde – - - - - rds 228. rds 200 –. 28 - - - -- 1:24: —— 45. — 137. — Belligam – – – – — — – rds 10: — 8: 24. - - – – – – – rds 20 – 10. – 24. 2: — 75: — 70: — 16 - - 10. — - 11. — Oenewatte - - - - - - - rds 220 – 213 — 7. — 47 – 73 — — 4 Sabradoe and Winitigalle rds 63:— 59:— -- Ahangamme - - - - rds 163. 173 — Kateloewe – - - - - rds 450. – 430 – 20 – – – Talpe - - - -. 10 ditto — Ahangamme and Kogelle - - - - - rds 335. – 310 – 25: – shore duty of Benlotte – – – – – – – rds 59: – 48. — 26. more less Galle ditto ditto ditto ditto ditto money duties of Galle and the Galle portion of the Wallallewitte Korle – – – – – rds 520 – 500 – - 20 – garden Pittigallemoderewatte – – – – - - – – – – rds 24. – 40. –. . . . 16 — ditto Gaegodde Banderewatte at Habredoe - - - rds 16 — 12 - 4 – - — ditto Oejenewatte at Katteloewe - - - - - - - rds 10 - 5 – 5. – - - - - ditto ditto Salgam - - - - - - - - rds 5– 2. 24. 2. 24. - ditto Moettettoewatte at Oenematte - - - - rds 23. - 14. - 9. -. - . ditto Kittantrigewatte at Wikkede - - - newly planted garden Kootewanne Mardane at Booddoewe Mardane ditto Poloejenegodde Mardane at Katteloewen- - — ditto Koedoekadde Bandere- watte at Wikkede --rds Mallellegamme – – – –rds 16: – — – 16 – – – – – at Mallellegamme rds 30 – — – 30 - – – – quarries - - - - - - - - - - - - - - - - - – - rds 10. – 25 – – – – 15 – Alfandiga lease – – - - - - - - - - - - - – - - rds 3675. - 3420 – 255 - - - 70 - - - - rds - - - - rds 60 — 50 – 10 - - - . - 23 — rds 30 rds 175 – 510 – The alfandiga lease - - - - - - - - - - - - - - rds 1000 – 930 – Bazaar lease - - - - - - - - - - - - - rds 139 – 135. — The arrack tavern _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ - - - rds 300 – 380 – — – – 80 – ferry of the river - - - - - - - - - - - - rds 500 – 630 – – – – . 130 – rds 28000 –. 28000 – 75 - - - - - rds 260 – 260 – — – – - - - rds 2250 — 2200 - 50 - - - - - - —- 5 - - - . rds 240 – 250 – 10 — - Total - rds 79990 - 77905 . 2820 - 735. – – – – – – – – – rds 10375– 10150 – 225 – – – - - - —— - Jaffnapatnam – - rds 400 – 1050 – – — 150 – – rds 1150. — 1050 - 100. - rds 376 – 370 – Total rds 1526 - 1420 - 106. - - rds rds 1397. — 1350 - rds 1175 - 1050 - . 125. - - - -- 230–. 250 – 20 — — - -. rds 400 – 370 – 30 – Total. . . rds 3202 - 3020 – 202. 20. 47. -. . . . . . No. 1 2/2. Anno 79 Anno 173/92 more less 3. — rds 6129:24: 6995:36. 508:36: 1375: Tobacco plantation - - - - - - - - - - fishery at Kalemoele ditto ditto ditto — ditto - -- - - -- f - 6. –. - . fish lease - – - - - - - - - - - - - - - - - - - - – - - - rds 3640 – 3510 – 130 – – – – – bazaar lease - - - - - - - - - - - - - - - rds 550 rds 530 – 20 – – ditto ditto outside ditto - - - - - - - rds 1400 - 1420 — — - - - — - - - 20— - Anno 17 9/2 791 Anno 1 79/92. Anno 17 89/9 rds 3. – 2 – 1 - - - - - f - - - - rds 145 7 — - - - 24. - - rds Total rds rds Total rds rds 7 – - - - . . 335 –. 13rds 4 - - - - ditto ditto ditto ditto Total rds 4831:- 5005=
Dutch transcription
De Zurie en arraks tapperij - - - - - - - De visseri van Alikan tot Berberij - - - - - d=o — „ wak galmodere, Pitigal en sitattoe - - „ 26: „ visscherij van gindere en Mahamodere - - - - - - „ 25. 25 — De Zurie en arrakstaskerij binnen de stad - - - - - - - - - rd=s 1400. - 2030 – - - - - . 630 – Nigombosche kalteresche „ tum en de tapperij binnen de gravetten van kaltere do — „ Makoene en Paijagelle Iaffenapatnamsche passagie der passen kolombogammo, katchiai en d=o — „ Aralie - - - - „ visscherij in de passen binnen de vier provintien en de bilanden - - - - „ visscherij in de zoute rivier omtrent Magamale – - „ 100 – 80 - 20 - - - - - De visscherij op katkowelan - - - - - - - De Zurie en arrakstapperij van Kaits - – – – - - „ 145 — 140 – „ do „ overvaart van Printo Pedro en kaits na de overwal „ 45 - 45 - - - - „ makelaardij in tabak en Jagerzuiker – – - - „ 5000- 4650 – 350 - - - - - Het sjappen der buitenlandsche kleeden - - - - - „ 4650 - 3700 - 950 - - - - - - „ visscherij langs de boord der wanni - - - - De alfandigo pacht - - - - - - - - - - - Het spappen der binnenlandse kleeden - - - - - - „ 11000 - 11100 – - - - - 100 – „ Navanture - - - - - - - - „ 1400 — 1325 – „ d-o in de negen zoute plassen - - - - - - „ 640 – 560 – 80 – – - - - „ groote basaar en alle andere markten - - - - - „ 2075 „ 2640 – 235 – - - - - „ do d=o „ kooylankandie - - - - - - - „ 1340 – 1175 – 165 – – – –– „ Kakadivoe - - - - - – – - - „ 870 – 780 – 98 – – – – „ do „ Nagerkooil - - - - - - - - – – – – - „ 450 – 450 – – – – – – - Patjelepalle - - - - - - - - - - - - – – – „ 3100–. 3575. – – - - - . 475 — vismarkt van het kasteel - - - - - - - - - „ 3400 – 3200 – 200 – – - - - „ d=o onder kolombogammo - - - - - - - - - „ 2950 – 2575 – 375. – - - - -- Het aankweeken van vee – - - - - - - - - - „ 42. – 35 – 7. – – - – Mannaarsche. De Kraalen der beesten - - - - - Het vervoeren van bullen of draagbeesten - - - - - „ 75. — 62- De bezaaide tanken - - De invoer van graanen uit de bovenlanden Het sjappen der Lugaarsche kleden – - - - - - „ 2510 -2250 – 260 – – - – - 371 -. 545. – do do „ binnewateren van de girrewais- „ revier van Mature - - - - do — do — „ Diekwelle, Bamberende en „ „ wellebaddepattae - - - - „ 2. Nielwelle – – – – – – „ 112. 81: – 31: „ D'oudure - - - - Maturesche. „ vispacht van Belligam - - - - „ steengroeven - zoutpannen van Banoa voor dit Jaar in admodiatie afgestaan „ —„— „ 1120. — – – – . 1120 – „ Betel himen - - - do „ Pidie of diversche gerechtigheeden. - - - - - - - - - - „ 559:14: 456:12: 103:12: — —: „ toe tabak - - - - - - - - - - De visserij van Mature, D'oudure en Mirisse - - - rd:s 1665— 1845:– „ arrakspacht - - - - - - - - - - - - - - kauw tabak - - - - - - - - - - - - - - - „ 131. – 200 – – - -. 69: — „ bruggepacht van Mature - - - - - - - - „ „ sthand gerechtigheid van Tangale – – – - – – – „ 737. — 188. — 149. – – do 15 - - - - „ „ 15 – — -. 1: 24 — 1:24 Teld - rd:s 1272624: 12057: 24 586:— 717 180 — 136 — - - „ 941. – 805 — 35. — —— 4. – – -- 3: 24.:— -„ 1:24: 5. — „ - 2: 24— 8 --- „ „ 60½ 53. -. 7. - - 24. — — -- - – – „ 1435:— 1400 – koottegodde – - - - - „ 228. „ 200 –. 28 - - - -- 1:24: —— 45. — 137. — „ Belligam – – – – — — – „ 10: — 8: 24. - - – – – – – „ 20 – 10. – 24. 2: — 75: — 70: — 16 - - 10. — - 11. — oenewatte - - - - - - - „ 220 – 213 — 7. — 47 – 73 — — 4 sabradoe en Winitigalle „ 63:— 59:— -- Ahangamme - - - - „ 163. 173 — kateloewe – - - - - „ 450. – 430 – 20 – – – Talpe - - - -. 10 do — „ Ahangamme en Kogelle - - - - - „ 335. – 310 – 25: – strand gerechtigheid van Benlotte – – – – – – – „ 59: – 48. — 26. meerder mindr gaalsche do do do do do geld gerechtigheid van de gale en het gaalsche gedeelte van de wallallewitte korle – – – – – „ 520 – 500 – - 20 – „ thuin Pittigallemoderewatte – – – – - - – – – – „ 24. – 40. –. . . . 16 — „ d=o gaegodde Banderewatte te Habredoe - - - „ 16 — 12 - 4 – - — „ d=o oejenewatte te katteloewe - - - - - - - „ 10 - 5 – 5. – - - - - „ do do „ Salgam - - - - - - - - „ 5– 2. 24. 2. 24. - d=o Moettettoewatte te oenematte - - - - „ 23. - 14. - 9. -. - . d=o— kittantrigewatte te wikkede - - - „ nieuw aangeplante thuin. Kootewanne Mardane te Booddoewe Mardane d=o PoloeJenegodde Mardane te katteloewen- - — do koedoekadde Bandere„ watte te Wikkede --„ Mallellegamme – – – –„ 16: – — – 16 – – – – – te Mallellegamme „ 30 – — – 30 - – – – steen-groeven - - - - - - - - - - - - - - - - - – - „ 10. – 25 – – – – 15 – „ Alpandigo pacht – – - - - - - - - - - - - – - - „3675. - 3420 – 255 - - - 70 - - - - „ - - - - „ 60 — 50 – 10 - - - . - 23 — „ 30 „ 175 – 510 – De alpandigo pacht - - - - - - - - - - - - - - rd=s 1000 – 930 – „ Bazaar pacht - - - - - - - - - - - - - „ 139 – 135. — De arrakstapperij _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ - - - „ 300 – 380 – — – – 80 – „ overvaard der rivier - - - - - - - - - - - - „ 500 – 630 – – – – . 130 – rrd:s 28000 –. 28000 – 75 - - - - - „ 260 – 260 – — – – - - - „ 2250 — 2200 - 50 - - - - - - —- 5 - - - . „ 240 – 250 – 10 — - Teld - rd= 79990 - 77905 . 2820 - 735. – – – – – – – – – „10375– 10150 – 225 – – – - - - —— - „ Jaffenapatnam – - „ 400 – 1050 – – — 150 – – rd:s 1150. — 1050 - 100. - „ 376 – 370 – Teld rd=s 1526 - 1420 - 106. - - „ rd:s 1397. — 1350 - „ 1175 - 1050 - . 125. - - - -- 230–. 250 – 20 — — - -. „ 400 – 370 – 30 – Teld. . . rd=s 3202 - 3020 – 202. 20. 47. -. . . . . . No 1 2/2. Ao 79 Ao 173/92 meerder minder 3. — rd=s 6129:24: 6995:36. 508:36: 1375: „ Tabaks plantagie - - - - - - - - - - „ „ visserij te Kalemoele „ d=o do do — „ do - -- - - -- ƒ - 6. –. - . „ vispacht - – - - - - - - - - - - - - - - - - - - – - - - „ 3640 – 3510 – 130 – – – – – „ bazaar pacht - - - - - - - - - - - - - - - „ 550 „ 530 – 20 – – „ d=o „ d=o buiten „ d=o - - - - - - - „ 1400 - 1420 — — - - „ „ - — „ - - - - 20— - Ao 17 9/2 791 Ao 1 79/92. Ao 17 89/9 „ 3. – 2 – 1 - - - - - ƒ - - - - „ 145 7 — - - - 24. - - „ „ Teld - - „ „ „ „ - - 7 – - - - . . 335 –. 13„ 4 - - - - „ do d=o „ d=o do „ — Teld rd=s 4831:- 5005=
English
Fishing farm - Betel farm - The arrack tavern - „ Salt pans Chank diving „ Colombo farms, with the Batticaloa farms J„ „ Woutersz: Examined Ao 172/2 more less rds: 380 „: 340: — 10 4 6078. 13½ - — „ 6070 13 Counted rds 380:4: 6918:13 p„ 10 1. 6078: 13 rds 1270. — 1100 – 170 — „ 3820 – 4500 — 680 — „ 510. 700 190— „ 700 — – – – – – – – 900 — 200 salt pans not leased out in this Year 5„ 125. — 125. — N: the Tobacco farm of Trincomalee is leased out in March. Counted rds 6300 — 7325. — 170= 1195 Batticaloa 235. rds 240 - -- -- 5. – - „ Chaya digging, is leased out in the latter part of December and thus cannot be brought into comparison in A=o 17 8/91. this farm has yielded rds 87: „ 655. — „ transport of areca not leased out in this Year „ — - 655 — Counted rds 240. — 890 = 3. 655 — Kalpitiya and Puttalam rds 120 — 160 - The Toddy and arrack farm of Kalpitiya - — - 40- these farms are collected by 1 levy - -„ 2381. — „ Puttalam 2381: – ƒ 88. — 80. — 8. – – - Tobacco farm of Puttalam „ „ not leased out this Year 683 - – - - 683 – „ Tavelam farm of Puttalam — „ d=o do „1771: 34: 1771: 34 — „ -. Counted rds 208. - 5075:34: 8. – 4875:34– Short summary of the foregoing Return. Ao 173 A=o 17 29/7. Indian Dutch Indian Dutch Indian Dutch Indian Dutch 2 more less ld The two farms of the linens rds 13000: — ƒ85140: r: 46050 ƒ 9179: 28:-- - - ƒ - - - d: 3050. — ƒ 6039 — of Negombo, Chilaw and Kalutara - . „50436:—„ 99063:5:8„48433:—„ 95897:7„ 3007:—„ 5953:17: „ 1004:—„ 1987:10: 8 „ Jaffna farms - - - - - „ 79990: —„1538:1—„ 1795:—„ 154251:18: „ 2820—„ 5503:1: „ 735: — „ 15:6. — „ Mannar farms - - - - „ 1831:— 9565:1:8 5005: 9089:18—„ 371:— „ 734:1:8„ 545: — „ 1079:2:— „ Galle farms - - - - - „ 12726:84:„25498:9: 8: 12857:81: 25457:1:„ 586—„ 1160:5:8„ 717:—„ 1419:13— Matara farms. - - - - „ 6129:24: „ 12136:8: — „ 695:8:„ 13051:118:„ 308:36„ 1007:6:8„ 1375:—„ 2722:10— Tuticorin farms 380:4:—„ 752:1:8„ 6418:13/„ 12708:4:—„ 40:4— 79:7: 8„ 6078:15/„ 12035:— — 6300:—„ 12474:—–„ 7325:—:„ 14503:10—„ 170:—:„ 336:12:„ 1195:—: „ 2366:2– 240: —„ 475: 1 - „ 890. – „ 1762: 4 —„ 5. – „ 9: 18. - 655. –. „ 1296: 18. —. 208: —„ 411: 17„ 5075:9:„ 1009: 18: „ 8. 15: 17„ 4075:8 . 965: 16: —: Total rds 204241:8 ƒ104397: 2169:5: 451:8:1:1:401:2 24: 05 7: deduct the surplus from the deficit - - - - - - „ 204211:4–„404397:7:— „ 7515:40: „ 488:7:— — rds 1274:7¼ ƒ 174: 8. rds 12714: 7/ ƒ ƒ 174: — 8. Remainder of deficit- - - - - - - 1791. Colombo the 31: December „ alfândega farm of Kalpitiya Trincomalee farms Kalpitiya and Puttalam „ No. 23. Tuticorin Trincomalee collected - - - - The Magaurie farm - - - - - - - - - The Alfândega and linen farm - - - - - - - - - - „ chank farm not leased out this Year but is collected by levy arrack farm - - - - - - - - - A 17 /: Ao 794 duplicate Memorandum of the surpluses and deficits to be reported, as well as defects, discovered and found in the respective cargo of the following ships from the Netherlands for the account of the Amsterdam Chamber arrived here all being according to the contents of the verified and sworn declaration by the commissioners and added hereto in copy and all this is hereby presented and submitted in all respect to the Right Honourable commissioner Lords Directors at the assembly of the Seventeen by the undersigned; namely: Sijbrands greerk The „ – – – – – – – – – – – – – – --- -- do farms - - - - - „ 242 825 540 —. pounds sheet lead„ Copper red less on 16. lb: reckoned 9' P C o S: florentine lake less on 1. lb in 1. small chest that was weighed here gross 1 1/16 lb: tare 1. and net 1/16. lb: reckoned 6¼ per Cent these both were received in well-conditioned chests 200. — pcs Red Rouen Caps whereof wet and mildewed thus undeliverable conditioned 91. — „ the brims on the middle rows mildewed chest. due to wetness thus also undeliverable soldier Hats found damaged with moth holes on 2000 pcs in 7. well-conditioned chests the damaged Caps and Hats are sent back to the Netherlands non-commissioned officers hats in 1. chest No 70. weighs gross 183 lb. less on 170 pcs in 2. chests no 69. „ 70. weighs gross 188. „ 183 lb: 154 –¼ Corge dark blue soldier cloth less on 2303 Corge: reckoned 6¼ per Corge 34½ lb: Juniper berries in 1. small cask marked 2/38 and described as 50. lb: weighed gross 51½. lb: found more Goods. . . . . . . In the Trade Warehouse The Ship Christophorus Columbus on the 2: December 1791. arrived here at the roads 3082. - lb: sheet lead, whereof 1625: - lb: on 12. boats, delivered here 1457:- „ „ 11 _—. remained on board for Galle pcs marked: P: C: to No 2. „n 3. found instead of the mark D: V: E: N:. 1. „ 2. „ 1E: found instead of the mark A:n I: The first two chests as belonging to the dessave Fretz: delivered but the last marked IL: until now no owner having appeared can be found 3: -. pcs Brand-marked small chests; as delivered here on 4: pcs The Captain has declared at the foot of the report that the contents of the chests and casks were unknown to him, both in Europe and here, as we could not have been present everywhere thus he cannot remain liable for the deficit surplus with regard to the chest found short No 70. that the same in all probability will have remained behind in Europe as well as with regard to the damaged For Malabar 3082. lb caps Batticaloa I 10 — lb — 1/6. „ li 1n and ch farms proper far m 156:— P: 80. -. „ less 12:– „ Per 97 In a well 1 2
Dutch transcription
vrtcrpagt - betelpagt- De arraks tappery- „ Zoutpannen Sjankos duikerij „ kolombosche pachten, met die Battikalvatche paciten J„ „ Woutersz: Nagezien Ao 172/2 werder minder rd:s 380 „: 340: — 10 4 6078. 13½ - — „ 6070 13 Teld rd=s 380:4: 6918:13 p„ 10 1. 6078: 13 rd:s 1270. — 1100 – 170 — „ 3820 – 4500 — 680 — „ 510. 700 190— „ 700 — – – – – – – – 900 — 200 zoutpannen in dit Jaar niet verpacht 5„ 125. — 125. — N: de Tabaks pagt van Trinkonomale word in Maart verpagt. Teld rd:s 6300 — 7325. — 170= 1195 pattikaloasche 235. rd s 240 - -- -- 5. – - „ Zaaije delveri, word in het laast van December ver pacht en kan dus niet in vergelyking gebragt worden in A=o 17 8/91. heeft deeze pacht opgeworpen rd=s 87: „ 655. — „ vervoer van arreek in dit Jaar niet verpacht „ — - 655 — Teld rd:s 240. — 890 = 3. 655 — Kalpettijsche en Putulangsche rd=s 120 — 160 - De Zurie en arraks pacht van Kalpettij - — - 40- deeze pagten worden bij 1 kollekte geheeven - -„ 2381. — „ Putulang 2381: – ƒ 88. — 80. — 8. – – - Tabaks pacht van Putulang „ „ dit Jaar niet verpacht 683 - – - - 683 – „ Tawelangs pacht van Butulang — „ d=o do „1771: 34: 1771: 34 — „ -. Teld rd=s 208. - 5075:34: 8. – 4875:34– Korte te samen trekking van 't voorenstaande Rendement. Ao 173 A=o 17 29/7. Indiate ( nederlands Indiant rederland ndese aedelhuede ndiden nederlands 2 meerder minder ld De twee pachten van de lijwaaten rd=s 13000: — ƒ85140: r: 46050 ƒ 9179: 28:-- - - ƒ - - - d: 3050. — ƒ 6039 — van Nigombo, Cilau en kaltere - . „50436:—„ 99063:5:8„48433:—„ 95897:7„ 3007:—„ 5953:17: „ 1004:—„ 1987:10: 8 „ Tastewasche pachten - - - - - „ 79990: —„1538:1—„ 1795:—„ 154251:18: „ 2820—„ 5503:1: „ 735: — „ 15:6. — „ Mannaarsche pachten - - - - „ 1831:— 9565:1:8 5005: 9089:18—„ 371:— „ 734:1:8„ 545: — „ 1079:2:— „ gaalsche pachten - - - - - „ 12726:84:„25498:9: 8: 12857:81: 25457:1:„ 586—„ 1160:5:8„ 717:—„ 1419:13— Matureesche pachten. - - - - „ 6129:24: „ 12136:8: — „ 695:8:„ 13051:118:„ 308:36„ 1007:6:8„ 1375:—„ 2722:10— Tutuk orijnsche pachten 380:4:—„ 752:1:8„ 6418:13/„ 12708:4:—„ 40:4— 79:7: 8„ 6078:15/„ 12035:— — 6300:—„ 12474:—–„ 7325:—:„ 14503:10—„ 170:—:„ 336:12:„ 1195:—: „ 2366:2– 240: —„ 475: 1 - „ 890. – „ 1762: 4 —„ 5. – „ 9: 18. - 655. –. „ 1296: 18. —. 208: —„ 411: 17„ 5075:9:„ 1009: 18: „ 8. 15: 17„ 4075:8 . 965: 16: —: Somma rd=s 204241:8 ƒ104397: 2169:5: 451:8:1:1:401:2 24: 05 7: gaat af het meerdere van het mindere - - - - - - „ 204211:4–„404397:7:— „ 7515:40: „ 488:7:— — rd„s 1274:7¼ ƒ 174: 8. rd:s 12714: 7/ ƒ ƒ 174: — 8. Rest aan minderheid- - - - - - - 1791. kolombo den 31: December „ alphandigo pagt van Kalpettij Trinkourmaalsche pagten kalpettysche en Putulangsche „ No. 23. Tutukorijnsche Trinkonomaelsche geheever - - - - De Magaurie pacht - - - - - - - - - De Alpandigo en lywaats pagt - - - - - - - - - - „ sjunkospacht in dit Jaar niet verpagt maar word bij kollekte arrakspacht - - - - - - - - - A 17 /: Ao 794 duplicaat Memorie van de temeldene meer en minderhieden, mits- =gaders defekten, ontdekt en bevonden op de respective inlaading van de volgende scheepen uit Nederland voor reekening van de Kamer Amsterdam alhier gearriveerd zijnde alles naar de inhoude den door gecommitteerde gerekolleerd en be-edigde verklaering en deesen in kopij bij gevoegde en word het een en ander mits deesen aan de Edele Hoog Achtbaere gecommitteerd Heeren Bewindhebberen ter vergadering van Zeventeenen door de onder geteekenden in allen eerbied opgegeeven en ver- =toond; teweeten: Sijbrands greerk Het „ – – – – – – – – – – – – – – --- -- do pachten - - - - - „ 242 825 540 —. ponden schotelood„ Kopes rood minder op 16. lb: rekend 9' P C o S: florentijs lak minder op 1. lb in 1. kasje dat alhier gewoogen heeft brito 1 1/16 lb: taaar 1. en nito 1/16. lb: rekend 6¼ p„rC=t deeze bijde zijn in welgekonditiconeerde kassen ontvangen 200. — p:s Roode rouaanse Mutsen daer van nat en beslaegen dus onverstrekbaar gekonditio- 91. — „ de randen opde middelste rouwen door neerde kas. natteheid beslaegen dus mede onverstrekbaer soldaat Hoeden met motgaten beschaadigt bevonden op 2000 p s in 7. welgekonditiconeerde kassen de beschaadigde Mutsen en Hoeden worden naar nederland terug gezonden onder officiers poeden in 1. kas N. o 70. weegd bruto 183 lb. minder op 170 p:s in 2. kassen n=o 69. „ 70. weeg. b:t 188. „ 183 lb: 154 –¼ C:s donkerblauw soldaat laken minder op 2303 C@: rekend 6¼ sC:s s: 34½ lb: Jenever bessen in 1. vatje gemerkt 2/38 en beschreeven 50. lb: gewoogen b:t 51½. lb: meerden bevonden Goede. . . . . . . In het Negotie Pakhuijs Het Schep Christophorie Columbus den 2: December 1791. alhier ten rheede gearri„ =veerd 3082. - lb: schotslood, daar van 1625: - lb: aan 12. schuijten, alhier geleeverd 1457:- „ „ 11 _—. binnen boord ver bleeven naer Gale p:s gem: P: C: t:o N=o 2. „n 3. insleede van 't merk D: V: E: N:. 1. „ 2. bevonden „ 1E: insteede van 't merk A:n I: bevonden De eerste twee kassen als toebehoorende de dessave Fretz: afgegeeven dog 't laaste gem IL: tot als nog geen eygenaar opgedaagt zinde te vinden is 3: -. p s Gebrande kistje; als aan 4: ps alhier geleeverd De Capitain heeft verklaard aan de voet van 'tb raport dat hem de inhoud van de kassen en vaten, zo wel en Europa als hier onbekend was, wijl wij over al niet present hadde kunnen zyn dus voorde mindere meer„ der niet aanspreekelijk kande blijven ten opsigte van het minder bevonden kas N o 70. dat het zelve na alle waarschijnlykheid in Europa zal zijn blijven leggen mitsgaders ten aanzien vande boschadigde Voor Mallabaar 3082. lb matsen Patten alvasehe ik 10 — lb — 1/6. „ li 1n en k achte echte pa lsch 156:— P: 80. -. „ nind 12:– „ P:r 97 In een wel 1 2
English
must be attributed to fermentation in the ship and to the fullness of those materials, and regarding the burned small chest, that he was not present in Europe at the time of receipt, as previously stated. In the Dispensary: 377 cans of olive oil short on 30 half-aams, calculated at 25 5/8 percent, 7 guilders. Soy sauce short on 20 ditto, calculated at 26 1/4 ditto. Anker beer short on 20 barrels, calculated at 11 1/2 ditto. 248 ditto Hooijbers short on 20 ditto, calculated at 10 ditto. 310 ditto Roskamer short on 20 ditto, calculated at 13 5/8 ditto. 697 lb bacon short on 20 barrels weighed with the brine, gross 9235 lb; of which 4 barrels were taken from the batch, namely two by the ship's officers marked 203 and 215, two by the ordinary commissioners marked 219 and 211, which in the fatherland contained gross 410, 418, 426, and 420, tare 72, 70, 70, 70, and net 331, 348, 356, and 350 lb, making in total 480, 468, 476 lb; but now weighed with the brine 478, 453, 457, and 466, tare 84, 79, 78, and 78 lb; thus for net 307, 310, 326, and 326 lb; together net 1269 lb; then calculated at 317 1/4 lb for one barrel; according to this, the 20 barrels make 6345 lb; calculated at 9 1/6 percent. f 2779 1/4 lb 745 32.- lb 355.- Together net. Of the remaining 43 barrels, eight taken from the batch, namely four by the ship's officers marked No. 24, 55, 44, and 25, and four by the ordinary commissioners No. 47, 36, 22, and 39, which in the fatherland contained gross 566, 556, 556, 560, 556, 560, 580, 592, tare 106, 106, 100, 92, 100, 100, 88, 102; thus for net 460, 450, 456, 468, 456, 460, 480, and 490 lb, in total 726, 716, 730, 730, 718, 730, 712, and 736 lb; but upon delivery weighed with the brine 695, 688, 730, 730, 695, 715, 690, and 725, tare 108, 118, 112, 103, 110, 111, 113, 117 lb; thus for net 400, 400, 410, 407, 406, 410, 438, and 439, together 3310 lb; comes to 413 1/4 for one barrel; thus making for the 43 barrels: 2045 1/8 lb meat short on 45 barrels, weighing gross 25952 lb, tare 4580, and net 21372 lb; the said 45 barrels having weighed gross upon delivery with the brine 31612 lb; the bung-holes of the barrels having been opened, 43 barrels were found full and of good odor, 2 barrels marked No. 23 and 31 without brine and the meat somewhat dry but usable, which were opened and weighed net as follows: No. 23 net: 2845 3/4 lb calculated at 15 1/2 percent. Together: lb 18526 1/4 Batticaloa has 267 to 825, No. 31, 0.-. 15 pieces of grapnels delivered, to wit: 458 lb of Frisian butter short on 15 barrels, calculated at 8 1/2 percent. With regard to the shortage of the oil, the cooper says in the aforementioned report that the oil casks had lain for a year in the ship in a fermenting hold, and although they were checked several times during the voyage, the rats that swarmed in great numbers inside the vessel nevertheless gnawed through the chines, notwithstanding that all possible care was taken to prevent the same. The bacon and meat barrels were brought on board at Texel unweighed, but received in good condition, so the weight from Europe is unknown, and on two of those barrels the bottom staves burst, causing the brine to leak away, as the said barrels were lying underneath. And with regard to the beer, the shortage thereof was likewise unknown to him at that time, and lying at Texel they were received in good condition and consequently delivered here as such, so no complete reasons can be given for how the shortage and flatting arose, as their stowage was good until the unloading. Pieces of anchors weighing 25540 lb, to wit: 1: 3000 lb 1: 3468 lb 1: 3542 lb 1: 3550 lb 1: 3460 lb 1: 3644 lb 1: 3674 lb 1: 65- 8 lb, and 42000.- In the iron warehouse: 48790 lb iron in bars, of which: 11345 lb delivered here 37445 lb remained on board hoop iron remained on board steel short on 3500 lb, calculated at 3 5/8 percent; this deficiency is caused by the ends of some bars being found broken. 3 pieces weighing 57 lb. 9 tar brushes found stifled out of 75 pieces in 1 well-conditioned chest. 500 cans of tar short on 100 barrels, calculated at 5 percent. 6 pieces of Dutch black ropes, to wit: 2 pieces of 18 fathoms delivered here 2 pieces of 18 fathoms taken into use during the voyage in place of lost ones 2 pieces of 12 fathoms, among which 1 piece of circa 10 fathoms has several yarns and two strands broken, but usable. 15 pieces weighing 4140 lb. 1 weighing 20 lb. 1 weighing 19 1/2 lb. 3 pieces of iron pitch pots delivered, to wit: 1 weighing 17 1/2 lb. 2 weighing 104 lb, each of 52 lb. 2 weighing 944 lb, each of 472 lb. 1 weighing 360 lb. 1 weighing 414 lb. 1 weighing 512 lb. 1 weighing 226 lb. 1 weighing 198 lb. 1 weighing 114 lb. 1 weighing 332 lb. 1 weighing 520 lb. 2 weighing 304 lb, each of 152 lb. 15 pieces. 28 lb. Batticaloa has 240, 118, 1 of 544.
Dutch transcription
240 258: mussen dat het toeschrijen is, aan de broeging in het schip en door de wolheid die stoffen e ten belange van het gebrande Kasje dat hij in Enropa bij den ontfangst als vooren niet present geweest is In het Dispens 377. kann olijven olie minder op 30 halve aamen reekend 25 5/8 PrCo 7. G sijn olie „ „ 20. _o „ 26¼. „ „ Ankerbier „ „ 20 vaten - - - „ 11½ „ „ 248. - „ Hooijbers „ „ 20. _ — -. „ 10 — „ 310. - „ Roskamer - - - „ 20 „ _o - - „ 13 5/8 „ „ 697. - lb: spek minder op 20. vaten gewagen met de pekel b:to 9235. lb; waarvan 4. vaten uijt de partij genomen als twee door de scheeps overheeden gem:t 203. e 215, twee door de ordinaire gekomm: gem:t 219. en 211, welke in het vaderland ingehouden hebben b=t 410. 418. 426, „ 420. tarra 72:, 70. 70: 70, e netto 331. 348. „ 356: en 35 olben in het geheel 480. 468. 476. lb dog nu met de pekel gewogen 478. , 453. 4578466. tarra 84. 79 78. „ 78. lb:, dus voor netto 307. 310. 326. „ 326 lb: Zaamen netto 1269. lb: dan rekend we voor een val 317¼ lb: hier na de 20 vaten uijt maaken6345. lb: rekend 9¼6 C„o ƒ27791¼ ld: 745. „32:— lb: 355. -. Te zaamen netto. Vande overige 43 vaten, agt uijt de partij genoomen als vier door de scheeps overheeden gem:t N=o. 24. 55. 44 „ 25. en vier doorde ordinaire gekomm: N=o 47. 36: 22. en 39. welke in het vaderland ingehouden hebben b t 566, 556, 556, 560, 556. 560. 580. 5923t=o 106. 106. 100. 92. 100. 100 8/8 102. dus voor netto 460 450, 456, 468, 456. 460 480. en 490 l in 't geheel 726. , 716, 730. 730. 718. 730. 712. en 736. lb: doch bij den aanbreng met de pekel ge„ =woogen 695. 688. 730 730 695. 715. 690. 1 725. t:n 108. 118 112 103 110 111. 113 117. lb: dus voor netto 400 400 410. 407. 406. 410, 438. , 439. Zamen 3310. tb komt voor een vat 413¼. dus uijt maaken„ de 43. vaten - - - - 2045 1/8 lb Vloesch minder op 45. vaten, Weegende P=to 25952. rb: p=o 4580. en netto 21372. lb: hebbende de gemelte 45. vaten bij aan„ breng gewoogen met de pekel b=t 31612. lb, de pponsgaaten van de vaaten geopend nog zig en bevonden 43. vaten vol in goed van reuk 2. raten gem:t N:o 23. a 31. sonder pekel in 't vleesch eenigsints droog dog verstrekbaar, welke ge-opend en netto gewoogen als volgd No. 23. aan netto 2845¾ lb rekend 15½ p=r C:o r: Zamen - - - - lb 18526¼ pattikaloasche heeft 267. „ te 825 „ 31. „ „ 0.— - .. 15. — p. s Dregyen geleeverd, te Weeten 458. –. lb: boter vriese minder op 15. vaten rekend 8½. p=r C=o o Ten aanzien der wannigheijd der olie zigt de koffe bij 't raport voorm: olietijten een Jaar lang in het schip in een broeyende ruijm geleegen hebben de schoon ver„ „scheijde keeren dezelve op de reijze zijn nagezien egter de rotten die binnen boord in groote menigte Krielden hebben de kimmen door knaagt niet jegen staende alle mogelijke zorg gedraegen was tot voorkooming van dezelve De spek en vleesch vaten zyn ongewoogen in texel zijnde aan boord gebragt, dog wel gekonditi„ oneerd ontvangen, dus 't gewigt van Europa onbekend en twee diervaeten de boom duijgen geborften zynde daar door de pekel afgeloopen zijn, alzo ged.:t vaten waaren onder aan geleegen, en ten aanzien van 't bier dat de wannigheid daar van insgelijks hem toenmaals onbekend was en dat in texel leggende wel gekondetioneerd ontvan „gen zijn dien volgende zodanige alhier uijt geleeverd waaren, dus geene volkoomen reedenen weeten te geeven waar door de wannigheijd, vervlaauwing ontstaan te zijn wijl der zelve stuagie tot bijde ontlossing goed geweest zijn p:s Ankers weegende 25540. lb:, teweeten, 1: 3000 lb 1. 3468. „ 1. 3542. „ 1. 35.50. „ 1. 3460 „ 1: 3644. 1. 3674 „ 1. 65- 8, en 42000 -. In 't ijzer magazijn 48790 — lb: ijzer aan staaven inz: daervan 11345. lb: alhier geleeverd 37445. „ binnen boord verbleeven „ hoepbanden inz: binnen boord verbleeven stoal minder op 3500 lb: rekend 3 5/8: pr C=to s: deese minderheijd is veroorsaakt door dien dat de enden van eenige staaven ge„ brooken zijn bevonden 3 p:s weeg: 57. lb 9. - „ teci quasten verstikt bevonden op 75. p s in 1. welgek: kas. 500 tann: teer minder op 100. vaten; rekend 5: p:r C:o 6 — p:s Holl:s swaartorwen, teweeten: 2. p:s van 18. d=m. alhier geleeverd 2. „ „ 18 „ op de rijse in steede van verloorene in gebruijk genoomen 2 „ „ 12. „ waeronder 1. p:s Cinna 10 radems van het af ver„ =scheijde graanen van, twee strengen ge„ =brooken dog verstrekbaar 15 p:s weeg: 4140. lb: 1. weeg: 20. lb: „ 19½. „ 3. - „ ijzere pik potten geleeverd, teweeten: 1 „ 17½ „ 2 weeg:. . - 104. lb: â ider van 52. lb: 2 „ 944 „ „ „ „ 472. 360„ 414. „ 512. „ 226. „ 198. . „ 114. „ 332. „ 1 „ 520. „ 2. „ 304. „ „ „ „ 15. 4. 15: p:s 28. lb pattikaloasche „ word dus heeft ik in 240 1 „ 1. „ 1. „ 1. „ 1. „ 1. „ 1: „ in - „ 118. 1. 544. a
English
240 In the Armory For Mallebaar 28 lb nails of assorted kinds short on 9006 lb in 15 casks, calculating 1/8 per cent The officers have attested that this deficit was caused because the casks No 16 and 17 with double nails, their heads were found broken into pieces during rolling ashore here pieces anvils delivered 1 weighing 618 lb 1 weighing 640 lb 1 weighing 588 lb 1 weighing 566 lb 1 weighing 507 lb together 2919 lb instead of 2912 lb, thus 7 lb more, calculating 1/4 per cent 3 pieces paper hooks, delivered 1 weighing 134 lb 2 weighing 240 lb together 459 lb instead of 458, thus 1 lb more, calculating 2 per cent eye bolts, delivered 1 weighing 42 lb 1 weighing 91 lb 1 weighing 60 lb together 193 lb 3 pieces small English hand vices found short on 8 pieces in 1 well-conditioned chest weighing gross 390 lb For Mallabaar 14542 lb iron, of assorted kinds; thereof 2508 lb delivered here 12034 lb remained on board 1 chest with lockplates delivered well-conditioned, thus left unopened 1 chest with files of assorted kinds 2 lb steel surplus on 250 lb, calculating 3/4 per cent, thus in the one cask 3 and the last 25 lb short 12 pieces timbers, namely 2 pieces of 21 palms each 1 piece of 19 1/2 palms 1 piece of 19 palms 1 piece of 12 palms 1 piece of 11 palms spars ditto In the Medicine Shop 60 lb sal angelica melted sal sedlicens ditto radix Jalappa short on 60 lb, calculating 5 per cent 98 pieces glass green bottles from 1/8 to 1/64 lb broken out of 1000 pieces 1 piece glass mortar and pestle broken out of 6 pieces All the chests of the aforesaid medicines and glassware were found in good condition 18 pieces ditto 4 lb broken out of 253 pieces 10 pieces ditto In the Smith's Shop For Mallabaar 25 hoeds smith's coals; thereof 7 1/3 hoeds delivered here 17 2/3 hoeds remained on board 17/9 remained on board 1 chest with drumheads, hoops etc. delivered in good condition, thus left unopened On the Shipwright's Yard [illegible] In the Dispensary 676 lb hard bread meat 98 1/5 jugs vinegar In the Trade Warehouse 62 pairs woolen stockings In the Rigging Warehouse 1 piece hoisting rope of 115 fathoms unfit, to old rope barkentine grapnel weighing 109 lb spare kedge anchor with stock and 6 bolts weighing 736 lb main shroud of 8 inches mizzen shroud of 5 inches main topsail entirely worn out and unfit sails unfit, these were inspected in the presence of the Captain at Sea and Rigging Master the Honorable Andringa, as well as the Captain of this vessel the Honorable Jan Janse Lauridtsz, cut apart from one another and found on the same as follows 9 pieces of sailcloth thereof 1 main sail approximately 593 whereof for patch cloths and small sails for common ship's boats approximately 405 in patches, gores, and side pieces that can serve for nothing else than for chafing gear according to the statement and assurance of the aforementioned Captains 1 foresail 468, 350 1 fore topsail 386, 238 3 sails carried forward with 1447, 493 1 small jib 235, 96, 139 1 main topmast staysail 89, 28, 61 1 mizzen main staysail 121, 68, 53 1 main staysail 222, 64, 158 1 fore ditto ditto 97, 34, 63 1 crossjack sail 222, 0, 222 Together 2433, 1283, 1150 3 sails carried forward with 1447, 993, 454 7 pieces of broad canvas containing together 903 entirely unfit, being in patches and gores only good for chafing gear, thereof 2 main topgallant sails 302 2 fore ditto 236 1 lower studdingsail 144 1 common jib 118 1 flying jib 103 1 of narrow canvas containing 188 of an upper studdingsail usable as above In the Coopersmith's Shop 169 pieces whole leagers; thereof 97 need to be repaired 12 need to be tightened pieces half leagers; namely 20 need to be repaired 21 need to be tightened 131 pieces hoop bands, thereof 100 pieces of 10 whole leagers 23 pieces of 3 half leagers, instead of 4 whole leagers 8 pieces of 1 whole aam, staves of which were used on board for firewood Regarding the delivered half leagers and whole aam hoop bands Further is reported that which was taken from the provision or stores of this vessel and ordered to the following places, namely: [illegible] 3 shirts 1 shirt 1 shirt 1 shirt 1 shirt 17 shirts 9 shirts 8 shirts 41 9
Dutch transcription
240 In de Wapenkamer Voor Mallebaar 28. —. lb: spijkers in zoorten minder op 9006. lb: in 15: vaten reek 1 /8 prC=to De overheeden hebben betuijgd dat deese minderheyd veroorzaakt is, door dien de vaeten N=o 16e 17 met dubbelde spijkers de boomen bij het rollen aande wal alhier aan stukken bevonden zijn p:s aanbeelden geleeverd 1: weeg: 618. lb: 1 „ 640. „ 1 „ 588 „ 1 „ 566. „ 1. „ 507. „. - zamen 2919 lb: insteede van 2912. lb: dus meerder 7. lb: reekend — ¼. pC o S: 3:- „ ppeer haaken, geleeverd 1. Weeg: 134. lb: „ 240. „ 2- zamen 459 lb insteede van 458. dus 1. lb: meerder reekend 2. p=r C=o S: oog ijzer, geleeverd 1. Wesg: 42. lb: 1. „. 91. „ — „ 60. „ - zamen 193. lb. 3- „ kleene Eng: handschroeven minder bevonden op 8. p:s e 1. welge„ konditioneerd kas weeg b:te 390. lb: voor Mallabaar 14542 —. lb: ijzer, inzoorten; daar van 2508. lb: alhier geleeverd 12034. „ binnen boord verbleeven 1. - kos. met slootplaats welgek: geleeverd dus onge opend gelaeten 1. - „ „ vijlen inz: 2 -. lb: staal meerder op 250. lb: reeken d ¾. pr C:to v: geraakt, dus in het eene vat 3. e de laatste 25. lb: minder 2. p:s van 21. palmen ider 1. 12. p:s Host koutsn , als „ 19½. „ „ 19 —. „ „ 12 – „ „ 11 „ 1 Spieren idem In de Medesijn winkel 60. lb. sal angelica gesmolten „ sedlicens _o —. rad: Ialappa minder op 60 lb: rekend 5. P:=r C=to 98: ps glase groene flessen van 1/8 tot 1/64. lb: gebrooken op 1000 ps 1 „ Glase vijsel en stamper gebrooken op 6: p:s Alle de kassen van voorsch: medicijnene glaswerken zijn welgekonditioneerd bevonden 18: „ _ _o _ 4. lb gebrooken op 253. ps „ 10 „ In de Smitswinkel voor Mallabaar 25. hoeden smeekoolen; daar van 7 1/3. Hoeden alhier geleeverd 172 17/9 „ binnen boord verbleeven „ binnen boord verbleeven 1 Kas met Tromvelle, reepen &=a welgekonditioneerd geleeverd dus on- op de Scheepstemmer Werf geopend gelaaten Jn Nog pattikaloasche „ w dus heeft ik 825 1 — 2 5. — „ „ „ „ 6. „ 50 –. „ 3. – „ „ : „ 3. -. „ ning ue 248 825 vn honsbant onge 804½ „ In het Dispens 676. — lb haard brood Kleesch 98 1/5 kann: soll: azijn In het Negotie Pakhuijs 62. – paaren wolle kousen In het Equipagie Pakhuijs 1— p:s luijtouw van 115: v=m onbeq: tot oudtouw borkas dreg weeg 109. lb waarloose werp anker met stok en 6 bouts weeg: 736 lb groote want van 8 d=m bezaans want „ 5. „ groot marzijl gehal verslietene onbrq: zylen mbeq deeze zijn ten bij weezen van den kapityn ter zee en Equipagie meester dE: Andringa, zo wel als de kapitein van desen bodem den E: Ian Janse Lauridtsz: gevisiteerd van elkanderen gesneeden en aan deselve bevonden als volg e Cour Jo 9. — van Zijldoek daervan 1: groot Zeijl—. - - - Ca: 593. waar van tot lap doeken e Zyltjes voor ge- Ca 405. ... meene schuitse boots— aan lappen, gieren, en zij stukken die nergens die nergens anders toedienen konnen dan tot smartings volgens opgavee verzekering van vooren gem: Capiteins — – – – – – C@ - - - - - - - „ 468: 350. 1. fok 1 voormarzijl — - - - - - „ 386: 238 3. zeijlen Transporteere met - - - - rd 1447„ 493. — 1 klyne kluijver 1. groot steng stag zijl — 1 besaan groot stag zijl — - - - - „ 121. 68. 53 — 1 groot stag zijl — - - - - - - „ 222: 64: 158. 1 voor d–o. d=o - - - - - - - „ 97. 34. 63. 1. kruijs Ziel —. . . . . . . „ 222. —. 222- ver de Zaamen — @ 2433. 1283„ 1150 - akel 7. p:s van breedeverdoek inhoudende zamen 903 @ geheel onbequaam wes aan lappen e gieren alleen goed tot smartings daervan 2 groot bramzijl — 302 Ca„ 2 voor d— „ 236. „ 1. onderlij zijl . . . 144. „ 1 gemeene kluyver 118. „ 1 vleeger. . . 10 3 „ 1. van smal everdoek inhoudende 188 @ van een boven lij zijl in bruijk- baar als even In de Smitse Kuijpers Winkel 169. —. p:s heele leggers; daer van 97. diene gerepareerd 12 „ aangedreeven } teworden p=s halve leggers; teweeten 20 - dienen gerepareerd 21- „ aangedreeven teworden 131- p:s stoepbanden, daer van 100. ps van 10 heele leggers 23 - „ „ 3. halve „ dus 't tem in }instrede van 4. heele leggers ban„ „ 1. heele aam - - 3 dader om ontee daeln leggens duijgen tot brandhout aan boord verbruijkt zijn Nopens de geleeverde halven leggers en heele aamshoep - - - - „ 235: 96 139 — - - - - - „ 89. 28. 61. 3 Zeilen Per Transport met - - - - - @ 1447. 993 454 — Nog word opgegeeven het geen uit den voorraad of behoefte van dezen bodem geligt en op de volgende plaatsen besteld zijn; teweeten: banden pattikaloasche heeft ik 3 — hemden 1. – „ 1– „ 1. –. „ 1 . . „ „ 17. –. „ 9 — 8. – „ 41. — 9. -
English
840 825 100 3148400-- hoops instead of whole leaguer hoop iron, the Captain has testified that in that regard an error must have occurred during shipment because the ship had to undertake the voyage in haste and that the largest portion of the whole leaguer hoop iron had been rusted and unserviceable. The following mentioned weapon goods were given to the soldiers of this vessel upon departure from the fatherland and delivered here: In the Armory pieces muskets with copper bands, iron ramrods, bayonets cartridge boxes partisans instead of halberds wooden [illegible], of which the mounting is unfit, thus needs to be remounted again. The Ship Meeuwtje arrived here on 8 January 1792. In the Great Money Chest pieces copper whole doits in 28 barrels containing 1949 bags at f 10 - - the bag remained on board, departing for Gale In the Trade Warehouse 1/8 lb pencil lead short on 12 lb, calculating 5 1/8 percent 1¼ lb red earth short on 12 lb, calculating 2¾ percent Both these items were delivered with several other goods in a well-conditioned chest, and upon weighing the gross weight was found to be 1 7/8 lb less. In the Dispensary 133 kannen linseed oil short on 20 half aams, calculating 13½ percent 117 kannen olive oil short on 19 half aams, calculating 12 percent 1 half aam olive oil 10 barrels bacon, weighing gross 4234 tare 712 and net 3522 lb remained on board 15 barrels Frisian butter, weighing 5376 lb 25 barrels meat, weighing gross 14386 tare 2512 and net 11864 lb 180 pieces soldier hats delivered wet from seawater, yet found passable out of 1040 pieces 142 1/8 lb bone ash short on 300 lb in 1 small barrel weighing gross 316½ tare 31 lb, calculating 5 percent Assay flasks found short out of 80 pieces, calculating 39 percent, namely: 44 whole 5 broken glass funnels, thereof: instead of 3 which is more 2 whole a small piece broken at the cup, calculating 33 percent 1 broken 18 lb chest lead with which the chests were lined, short on 231 lb, calculating 9 percent 112 pieces barge lead at the head of the invoice for the warehouse noted as a memorandum, yet not accounted for, remained on board. The following are noted on the invoice as a Memorandum, having been loaded into the ship to be delivered to the Cape: from the chamber Hoorn. According to the testimony of the captain of the 17 barrels of sorts No. 1 to 17 2 chests ditto 18 to 19 ship, delivered to the Cape: 12 bales ditto 20 to 31 8 chests ditto 32 to 39 1 barrel No. 40 180 pieces In Batticaloa 100 1 1 49 pieces 8694 2 delivered in two well- conditioned In the Iron Magazine 12 pieces pit saws delivered; thereof: 2 of 6½ feet each 2 of 5 feet each 4 of 6½ feet each and thumb wide, instead of 6¼ feet and 29 thumbs 1 set of 20 pieces hollow and round planes with chisels 1 set of 14 pieces drill planes with ditto 1 set of 18 pieces English bench planes with ditto delivered 1 set of 12 pieces bead planes with ditto 1 set of 16 pieces plow planes with ditto 2 pieces bickerns weighing 268 lb 2 pieces eye irons weighing 167 lb anvils weighing 1642 lb 850 lb lock plate; namely: 500 lb double 350 lb single nails of sorts 13000 lb hoop iron ditto 36000 lb iron of sorts 2 of 5½ feet each 2 of 6 feet each In the Ammunition House 340 pieces bombs, namely: 90 of 12 2/3 thumbs remained on board 50 of 11 3/12 thumbs 200 of 4 thumbs In the Letter Foundry copper justifiers 2 copper set squares line gauges magnifying glasses Dutch roman letters median body. 200 lb remained on board. remained on board 12 half ditto sheaves 15 whole aams 20 half ditto 5 hoeds smithing coal for Malabar. whole leaguers 25 remained on board papaveris short on 5 lb, calculating 30 percent Radix Rhei short on 60 lb, calculating 5 percent succus Liquiritae short on 80 lb, calculating 7 percent Conserva rosae rubrae short on 10 lb, calculating 5 percent; these deficits the commissioners state were caused by the fact that the lid of the jar was broken into pieces. pieces glass green bottles of 4 lb broken out of 147 pieces 11 kannen oleum olivarum short on 4 half aams, calculating 6 percent 12 all the chests of the aforesaid medications and glassware were all found to be in well-conditioned state. In the Smith and Cooper Shops crucibles, namely: 50 pieces 25 of 50 marks each, namely: 20 whole 4 cracked 1 broken 25 of 30 marks each; namely: 23 whole 2 cracked flores Chamomillae romanae short on 10 lb, calculating 15 percent flores Sambuci short on 10 lb, calculating 10 percent flores ditto vulgaris short on 15 lb, calculating 25 percent 1½ In In Batticaloa has 84 82 3 lb 5½ lb 2¾ lb 1½ lb 1 lb ½ lb In the Apothecary Shop barrels 2 2 5
Dutch transcription
840 825 100 3148400-- banden inteede van heele leggers hoepbanden heeft de Capiten betuijgd dat ten dien op sigte abuijs zoude begaan zijn bij afscheeping door dien het schip in der haast de rijse had moeten onderneemen en dat het grootste gedeelte der heele leggers hoepbanden verroest en onbwaam geweest waaren De temeldene wapen goederen zijn de, Militairen van deese bodem bij vertrek uijt het vaderland mede gegeeven e alhier gelee„ =verd: In de Wapenkamer p s Geweeren met kopere banden yzere laatstokken : bajonetten patroon tassen partis aan insteede van hollebrerd houte trou, waer van de montura onbeq: dus weder dient opgemonteerd teworden. Het Schip Meeuwtje den 8. Januari 1792. alhier gearriveerd. In de Groote Geld Kassa p: kopere heele duijten in 28. vaten inhoudende 1949 Zakken a f 10 - - de sak binnen boord verbleeven vertrekkende naar Gale In 't Negotie Pakhuijs 1/8. lb. potlood minder op 12. lb: rekend 5 1/8. PrCo r: 1¼ „ rood aarde „ „ 12. „ „ 2¾. „ „ Dese byde posten zijn met meer andere goederen in een wel gekonditioneerde kas geleeverd en bij aanbreng op het brulo gewigt 1 7/8. lb: minder bevonden In 't Lispens 133 –. kann lijn olie minder op 20 halve aamen, rekend 13½ prC. o 117 „ olijven olie minder op 19 halve „ „ 12. „ 1. - halfaam olijven olie 10. . vaten spek weeg b=t 4234 c:a 712 en netto 3522 lb binnen boord verbleeven 15 „ vriese boter weeg 5376 lb 25 „ vleesch weeg. O.:to 14386. l=a 2512 en netto 11864. lb. . . . . . . . . . .. 180 - p. s soldaate hoeden na door zeewaater, geleeverd, dog verstackbaar bevonden op 1040 p=s 142 1/8. lb been asch minder op 300 lb: in 1. vaatje wag O:te 316½ l=a 31. lb: rekend 5. pc:o Essaij kolfjes minder bevonden op 80. p. s reekend 39 prc. o als: 44. heele 5 gebrooken glaase tregters, daar van- . . .. insteede van 3. w.: dus meerder 2 heele „aan de Coijp een klijn stukje gebrooken } reekend 33 pr:o v: 1. gebrooken - - - - - - - - - - - 18 lb kaslood waarmeede de kassen zijn beslaagen geweest minder op 231. lb reekend 9 prc:o s: 112 p. s schuijt lood aan het hoofd van 't faktuur voor 't pakhuijs per memorie bekend, dog niet aangereekend binnen boord verbleeven De Natemeldene staan bij de faktuur per Memorie bekend als die in het schip gelaaden geweest, om aan de naap aftegeeven van de kamer Hoorn. volgens betuijging van den kapitain van het 17. daten in zoorten N=o 1. tot o7. 2 kassen do „ 18 „ 19 schip aan de kaap afgegeeven. 12 balen do „ 20 „ 31. 8. - kassen do— „ 32 „ 39 1 vat N=o 40 - - - . 180p In Pattikaloasche e 100. „ 1 1 „ „ 49. . . ps . . . 8694 –. „ 2 -. „ geleeverd in twee wel„ gekonditieoneerde In 't ijzer magazyn 12. – p. s kraanzaagen, geleeverd; daar van: 2. van 6½ v ider 2 „ 5. a „ 4. „ 6½ „ „ en d=m breed, insteede van 6¼. v„ en 29 d=m 1. - stel of 20. p. s hol en rondschaaven met bijtels 1 - „ „ 14 „ boor schaaven. . „ do. 1. - „ „ 18 „ Eng ramschaaven „ d=o geleeverd 1. - „ „ 12 „ „ kraalschaaven „ do 1 - „ „ 16 „ ploeg schaaven - - - „ d_o 2 -. p. s speerhaaken weeg 268 lb 2 - „ oogijzers „ 167 „ aam beelden „ 1642 „ 850 lb: sloot plaat; als: 500 lb: dubb 350 „ enkelde spijkers in zoorten. 13000 — „ hoepbanden d=o. 36000 — lb ijzer in Zoorten - - - - - 2 „ 5½ „ „ 2 „ 6. „ „ In 't Ammonitie huijs 340 —. p=s. bommen als: 90 van 12 2/3 d=m binnen boord verbleeven 50 „ 11 3/12 „ 200 „ 4. . . „ In de Lettergielerij kopere Justeriums - - - - 2 - „ „ winkelhaaken „ linie haaken vergroot brillen duijts Roll letters midiaan kegel. 200. . lb binnen boord verbleeven. binnen boord verbleeven 12 –. „ halve d=o schooven 15 - „ heele aams 20 – „ halve d=o 5 —. hoeden smeekoolen voor Mallabar.. heele leggers - - - - - - - 25 – „ binnen boord verbleeven „ papaveries - - - „ „ 5 „ „ 30. „ Radix Rabaaber - - - - minder op 60 lb reekd 5. porc:o „ „ 80 „ „ 7. „ S. succes Liquirit-- Conserv sosaa ruba - - - „ „ 10 „ „ 5: „ deeze minderheeden zeggen de gekommitteerdens veroorzaakt te zijn door dien dt de dekzel van de pot aan stukken geraakt is. p:s glaase groene flessen van 4. lb gebrooken op 147. p s 11. – kann olie olivarum minder op 4. halve ramen deekend 6 pC=o s 12– alle de kassen van voorsch medikamenten en glaswer„ ken zijn alle welgekonditieoneerd bevonden In de smits en kuijperwinkels kroesen, als. p. s 50„ 25: van 50 mq ider teweeten. . .. .20 heele 4. geborsten 1. gebrooken 25. van 30 mq: ider; als. 23 heele 2 geborsten . . . . . . . flor: Chamm rom - - - „ „ 10 „ „ 15 „ „ Tambiscie - „ „ 10 „ „ 10 „ „ do —. vulg - - - - - „ „ 15 „ „ 25 „ 1½. „ In In pattikaloasche heeft 84 82 3 -. lb 5½. „ 2¾. „ 1½. „ 1- „ —½. „ In de Medicijn winkel vaten : „ 2 –. 2.. „ 5- „