Inventory 10307
Malabar · 814 pages · 135 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
The balance sheet comes across among the appendices. Statement of the expenses and profits of anno 1775/6. Comparison of the same with the previous financial year. will meet with approval; while we, regarding the remaining items, conform to the notes placed beside the aforementioned report. The balance sheet, drawn from the aforementioned trade books, lies annexed hereto; and shows that the aforementioned financial year has amounted in profits and expenses, namely: In profits ƒ363587:11– In revenues 79532. 9. —. ƒ443120. -. In expenses 304507: 17. 8. The lesser expenses having been subtracted from the greater profits and revenues, it thus appears that the profits and revenues surmount the expenses ƒ138612: 2. 8. Upon comparison now of these with the expenses and profits of the previous financial year, which consisted How much less this financial year has come ahead than the previous one. Reasons for the lesser profits and greater expenses. consisted of In profits and revenues ƒ475959: 4. —. And in expenses 201116: 19. —. It is evident that in the now expired financial year 1775/6 less has been posted - - - - - - - - - - ƒ 32839: 4. —: And that there have been greater expenses . . . -. . . 103390: 18: 8. Consequently, this office has in the now expired financial year come ahead less than the previous one ƒ 136230: 2: 8. The lesser profits are caused because in the previous financial year a good quantity of pepper was sold and gained thereon ƒ 22050: 12. —. but in this financial year nothing of that sort was sold, as also by the poorer sale of arrack, together with less profit achieved on the private trade, and the greater expenses are principally caused by repairs and improvements made How much the general remainders amount to. Insertion thereof. improvements to the fortifications of the city of Cochim, together with the deepening of the city moat and raising of a covered way around the same, as also because 15 pieces of cannon with their carriages have been brought into use on the city bastions. The general remainders which have been running in the books as of ultimo August anno passato to the amount of ƒ1001692: 14– consist of the following articles: Cash ƒ 63880: 4: Gold and silver works 609. 4. 8. Indian merchandise 1084. —. 8. Fatherland merchandise 36152. 18. —. Stationery and bookbinding tools 77. 19. —. Slaves 10553. 15. —. Gift goods 17. 8. 8. Carried forward ƒ112375: 10. —. The permitted write-off on delivered pepper is validated to the warehouse master. Carried forward ƒ 112375: 10: Returns 233738. 9. Goods for use 7776. 3. 8. Grains 30687. 1. Provisions 15965. 19. 8. Weights and scales 2519. 2. 1 cooper's shop 1782. 6. Equipage goods 16385. 9: 8. Gunpowder 17821. 1. — Saltpetre and sulphur 1440. 10: 8. Cannons 23446. 5. —. Mortars 2424. 9. Armory 711: 2: 8. Blacksmith's shop and craft tools 5386: 15. 8. The shipyard 19366. 12. 8. Assayer's tools 135. 18. 8. Lands at Paponetty 56060. 16. 8. The debtors 296918. 13. 8. The outstanding accounts 102584. 15. 8. Ammunition goods 54165. 13. 8. Total ƒ1001692. 14. — The write-ins and write-offs consist of the following: At our session of 6 March anno passato, the warehouse master As also to the Porca Resident Joussain. Lassen served with a memorandum of pepper weighed out and dispatched from the trade warehouses since primo April 1774 until 5 January last, according to which he, on account of permitted write-off, had weighed out more and delivered to the Honorable Company 5451 lb of pepper, requesting that this quantity might be paid to him out of the treasury at 20 rupees the 100 lb, in which request, as consistent with the existing orders, we have condescended, and caused to be compensated to him at ƒ24—– Dutch the 100 lb. On 30 April we have, upon a similar request made to the Porca Resident Joussain, granted the usual write-off of 1½ per cent on 615293 lb of pepper shipped during the previous good monsoon, amounting to 9429 lb. Also disposed of upon a report of the chief administrator van De Graaff, regarding that which according to confrontation of the transfer to the Calicoilan Resident Medeler was found in surplus and deficit. Likewise upon another report of that which upon making transfer to the junior merchant Seyffer was found in surplus and deficit. On the same day we have also disposed upon a report drawn up and submitted by the chief administrator van De Graaff, of that which, upon confrontation of the transfer of the deceased bookkeeper and Resident of Calicoilan Pieter Adriaan Gosenson, to the newly appointed Resident the bookkeeper Hendrik Anthonij Medeler, against the trade books was found in surplus and deficit, upon which we have disposed as is noted for each item beside the report inserted in the aforementioned resolution. Also, the aforementioned chief administrator served on that day with another report, of that which upon making transfer from the sons and heirs of the deceased bookkeeper and former Resident at Cranganore
Dutch transcription
de staat Reek. komt onder de bilagen over. aantooning der lasten en wonsten van anno 177 7/6. vergelijk van deselve met het voorig boekjaar. „keuring zal wegdragen; terwijl wij ons, nopens de overige posten gedragen aan de aanteekeningen ter zyde van het gem: beragt gesteld. De Staat Reekening ge¬ trokken uijt voorschreven Negotie Boeken, legt hier nevens; en toort aan, dat voorschreeven boekjaar aan winsten en losten gedraagen heeft te weeten Aan wensten. aan Jnkomsten . 1 Aan Lasten. . . . . . . De mindere lasten van de meer„ „dere winsten en Jnkomsten afgetrokken zijnde, zoo blijkt, dat de winsten en Jnkomsten de lasten Sur„ monteeren. . . . . . . ƒ138612: 2. 8. Bij vergelijk nu van deese met de lasten en winsten van het voorige boekjaar volk welke ƒ363587:11– „ 79532. 9. —. ƒ443120. -. „ „ 304507: 17. 8. bestaan hoe veel dit boekjaar minder is te vooren geraakt als het voorige Redenen van de mindere winsten. en meerdere lasten bestaan hebben Aan winsten en Jnkomsten ƒ475959: 4. —. „ 201116: - 19. —. En aan Lasten Consteert, dat in het nu afgeloopen beekjaar 1775 5/6 minder is gepoosi„ teerd - - - - - - - - - - ƒ 32839: 4. —: En dat er meerder lasten zijn geweest. . . . -. . . „ 103390: 18: 8. Gevoeglijk dit Comptoir in het nu afge„ loopen boekjaar minder is te vooren geraakt als het vooringe ƒ 136230: 2: 8. De mindere winsten zijn veroorsaakt, door dat in het voorige boekjaar een goede quantiteijt peper is verkogt en daar op gewonnen ƒ 22050: 12. —. dog in dit boekjaer niets van dien Corl is verkogt, als meede door den slegteren vertier van arrak, mitsgaders min„ „der behaalde winsten op den Particulieren handel, en de meerdere lasten zijn voornamentlijk gecauseert, door gedaane herstellinge en verbee„ te Hoe veel de generaale Restanten bedraagen. jnsentie daar van „teringe aan de fortificatie der stad Cochim, mitsgaders het uijt„ „diepen van de stads-gragt en op„ werpen van een bedekte weg ron„ dom deselve als ook door dat 15. pees Canons met hunne affuijten op de staos bolwerken in ge „bruijk zijn gebragt. De Generaale Restanten die onder ultimo augustus anno passato bij de boeken hebben voortgeloopen ten bedraagen van ƒ1001692: 14–. bestaan in de vol„ gende artikulen. Contanten Goud en zilver werken Jndiak koopmanschappen schrijf en boekebinders gereetschappen. . . . . . „ Lijf Eijgenen vaderlandse koopmanschappen. . . . . . . . . „ 10553. 15. —. Geschenk goederen. .. ƒ 63880:4: 609. 4 8. 77. 19. —. 17. 8 8. ƒ112375: 10. —. Transportere - - - - - - „ 1084. — 8. - - - - - - - - - - - - „ 36152. 18. —. - ..: . . - - . . . - . „ . . . . .. de gepermitteerde afschrijving op uijtgeleverde peper is aan den pakhuijsmeester gevalideert Retouren Goederen tot gebruijk.. Graanen Provisien gewigten en balanten. 1. kuijpens winkel. - .. Equipagie goederen. . .. Buskruijt. . . . . - - - salpeter en Swavel - .. Canons. . mortiers. wapenkamer - smitse winkel en ambagts graetschappen. . . . „ 5386: 15. 8. De scheepstimmerwerff Essaijeurs gereetschappen Landerijen te Paponettij De Debiteuren. .. . .. . . . .. de ten agterstaande Reekeningen. . . . . . . „ 102584. 15. 8. ammunitie goederen. . . . . . - - . . . „54165. 13. 8. Somma. . . . . . . . ƒ1001692. 14. — .. . . . . . 3 P:r Transport. . - .. ƒ 112375: 10: „ 233738. 9. „ 7776. 3. 8. - . . „ 30687. 1 „ 15965. 19. 8. -. „ 2519. 2. - - - „ 1782. 6. „ 16385. 9: 8. „ 17821. 1. — „ 1440. 10: 8. „ 23446. 5. —. „ 2424. 9. „ 711: 2: 8. .. „ 19366. 12 8. „ 296918. 13. 8. . - - - - - - - „56060. 16. 8. - - - - - - „ 135. 18. 8. De Jn- en Afschrijvingen bestaan in de volgende, Ter onser sitting van den 6: maart Anno passato heeft den pakhuijsmeester Lassen . . 1 - .. . . . : . . . . . .. . . . . . . . . . . . . . . . . . : . . .. . . . . . . . E : . . . . - .. . - . - . zo meede aan den Porcasa Resident Joussain sapfin gedient van een memorie van peper bij de Negotie Pakhuijsen sed=t primo April 1774. tot den 5. Jannuarij J=o „leeden, afgewoogen en versonden, volgens dewelke hij wegens gepermitteerde af „ schryving meerder uijtgewoogen en aan d'ECompagnie gelevert had 5451: lb: peper versoekende dat die quantiteijt aan hem tegens Ropial 20. do 100. lb. uit kasso mogt werden betaald, in welk versoek als overeenkomstig met de leggende ordres, wij hebben gecondesceerdeert, en aan hem met ƒ24—–. neederlonds de 100. lb: laaten vergoeden. Den 30. April hebben wij op een diergelyk gedaan versoek aan den Por„ „lase Resident Joussain g'accordeert de gewoone afschrijving van 1½. perC=to op 615293. lb: afgescheepte peper geduu„ „rende de voorige goede mousson, bedraagende 9429: lb: 1 ook is gedisponeert op een be„ rigt van den hoofd-administaa„ teur van De graaff, over het geene volgens Confrontatie van het Transport aan den Calicoilanse Resident medelia over en te kort bevonden is. insgelijks op een ander berigt van het geene bij het doen van Transport aan den on„ „der Coopman seijffer over en te kort bevonden is. Ten zelven dage hebben wij ook ge„ disponeert op een berigt door den hoofd„ administrateur van De Graaff opge„ maakt en ingedient, van het geene bij Confrontatie van het Transport van den overleeden boekhouder en Resident Pieter Adriaan Gosen van Calicoilan „son, aan den nieuw aangestelden Resident den boekhouder Hendrik Anthonij Medeler, tegens de Negotie boeken over en te kort bevonden is, waar op wij zoodanig hebben gedisponeert als bij het ter voorschreeven Resolutie g'inserert, berigt voor ieder post ter zijde aangeteekent staat. Ook heeft gem: hoofd administra„ teur ten dien dage gedient van een ander berigt, van het geen bij het doen van Transport van de zoonen en Erfgenaamen van den overleeden boekhouder en geweese Resident te Crang. a
English
Also concerning a memorandum of deficits and damaged goods at the Residency. Also concerning a report of weight deficits on the delivery of pepper from Cranganoor and Paponettij discovered, Cranganoor Willem Lucatz has delivered to his successor, the appointed head, the junior merchant Coenraad Gorge Seijker, and found deficient; whereby it became apparent that the various goods transferred in excess amount to ƒ 226: 6: 8. and those handed over in deficit to ƒ 176: 10: —, and thus the excess transferred amounts to a surplus of ƒ 49: 16: 8. We have thought fit hereupon to balance the surplus against the deficit and thus to have it adjusted in the books. Furthermore, on the same day in our meeting served a memorandum of goods found to be deficient and unusable upon the transfer of the said Residency of Cranganoor: Likewise another report of the above-mentioned head administrator of such weight deficits as were discovered in the first six months of the last completed financial year on the delivery of pepper from Cranganoor and Paponettij, as well as of two leg irons lost through the desertion of two exiles; upon which such decisions have been taken in accordance with the existing orders and regulations as stand noted in the margin of those documents inserted in the resolution. On the 24th of December of last year, in the evening after the closing of the river gate, the boatman's hut standing outside that gate and the sepoy guard standing next to it caught fire, in which fire some equipment goods were burned and went missing, and of which on the 17th of June two reports were received in our assembly, namely one from the head administrator Willem Jacob van de Graaff, and the other from the master of equipment Lourens Buijs, supported by a sworn declaration of the quartermasters Jan Jalgreen, Hendrik Mulder, and Martinus de Jager, the burned items consisting of the following, namely: 4 pieces of large tarpaulins, new, 4 slings, 2 homeland backstays for the derrick, 2 hawser ropes of 80 yarns, 2 heavy tackle blocks, 6 water jugs, and 2 funnels. And since this fire occurred by accident through no one's fault, so far as could be determined, and these are goods that belong to vessels that sail back and forth daily and serve at that place, and cannot well be stored anywhere else because the vessels sail out by night as well as by day, as required, we have therefore caused these burned goods to be written off in the books. In our meeting of the 10th of October of last year served: Four memoranda of such deficits, irreparable, and damaged goods as were found deficient and unfit upon taking the general inventory as of the last of August of last year at Cranganoor, Chettua, Paponettij, and Porca. A report of discovered deficits on delivered parcels of pepper and paddy, together with Cape provisions, as well as lost leg irons and a grapnel, and furthermore Three memoranda of write-offs, namely: One of weighed-out and leaked parcels, merchandise, and other goods since the first of September 1775 until the last of August of last year. One of the issued provisions, drinks, and what more, out of the Company's dispensary in the said time. One of issued hoop iron in the said financial year from the equipment warehouse. In our session of the 19th of November following, a finding submitted by the head administrator was resumed concerning such irreparable and repairable, as well as unfit and spoiled goods as were discovered and found upon taking the general inventory as of the last of August of last year. Upon all of which papers, according to the order and existing regulation, decisions were taken. The former Resident of Paponettij, Joost Breekpot, having had to abandon the Residency of Paponettij due to the invasion of the Nawab's troops, has submitted here a specified account of what was purchased and expended by him since the last of August of last year until his flight from there, whereby it appeared that 3400 lbs of pepper had been entered as purchased, which, with another 700 lbs remaining there on the last of August, fell into the hands of the enemy, and thus were lost with other goods remaining there, the Resident having submitted alongside two sworn declarations granted at his requisition by the Paponettij interpreter Dionijs Alewijn and the peon of the Cutcherry Barkij, who declare that the Resident after the last of August last had purchased pepper several times from various persons; on the 28th of November we deliberated upon this and
Dutch transcription
item op een memorie van te min en onbequaam be„ Residentie. jtem op een berigt van on„ derwigten op den aanbreng en paponettij ontwaard. Cranganoor Willem Lucatz aan desselfs op volger het aangesteld opper„ hoofd den onderkoopman Coenraad Gorge Seijker over en te kort is bevonden; waar bij kwam te Consteeren, dat de diverse te veel getransporteerde goederen bedragen ƒ 226: 6: 8. en de te min overgege„ „vene ƒ 176: 10. —. en dus te veel getrans„ „porteerd een meerder bedraagen van ƒ49: 16: 8. wij hebben hier op goedgevon„ „den, het meerder tegen het mindere te doen Rekontreeren en zoodanig bij de boeken te laaten reduesseeren Nog heeft ten zelven dage in onse vordere goederen ter gem: vergaderinge gedient, een memorie van te min en onbequaam bevondene goederen, bij het doen van Transport van gemelde Residentie Cranganoor: Jnsgelijks nog een berigt van voor„ van peper van Cranginoor schreeeven hoofd- administrateur van zoodanige onderwigten als 'er in de baste 1 en van twee verlooren ge„ „raakte spaingbeugels: het boodsman huijsje buijten de Revier poort verbaand. zo meede een sipais wagt daar bij zijn Eenige goederen Eerste ses maanden van het Jongst afgeloopen boekjaar op den aanbreng van peper van Cranganoor en Paponettij zijn ontwaard, als meede van twee spring beugels door het wegloopen van twee bannelingen verlooren gegaan; waar op zoodanige, met de leggende ordres en Reglementen overeenkomstig disposities gevallen zijn, als bij die papieren in het besluijt g'insereert ter zyde aangeteekend staan Den 24. december Annopassato is 'savonds na het sluijten van de Revier„ poort in brand geraakt, het buijten die poort staande boodsmans huijsje en daar nevens staande sipaijs wagt bij welke brand eenige Equipagie goederen verbrand en absent geraakt. verbrand en absent geraakt zijn, en waar van op den 17. Junij in onse vergaderinge ingekomen zijn, twee berigten, als een van den hoofd admi„ instaat daar van zijn twee berig„ ten ingekomen. de specificatie van de verbrand„ de goederen d deese brand is door niemangs schuld bijgekomen. d die goederen hebben behoort tot de vaartuijgen die daage„ lijks af en aanvaaren „nistrateur Willem Jacob van de Graaff, en het ander van den Equipa „giemeester Lourens Buijs, gesterkt door een beEedigde verklaaring van de quartiermeestert Jan Jalgreen, Hendrik Mulder en Martinus de Jager bestaande het verbaande in het volgende als. 4. p:s groote presennings nieuwe 4 „ lengen 2. „ vaderlandse bagstagen, voor de Bok 2. „ vijgertrossen van 80. garens 2 „ swaare gijn -blokken 6 „ water- pulken en 2. „ tregters. En alzo deese brand bij ongeluk door niemands schuld, zoo veel men heefth kunnen nagaan, is bijgekomen, en dit goederen zijn die tot vaartuijgen Caab poste behooren, die daagelijks aan en afvaaren en daar ter plaatze dienen, en niet wel ergens anders kunnen geboogen waa„ den, om dat de vaartuijgen zoo wel ƒ 's nagts 8 9 op nebrie dus heeft men die goederen laten afschijven ook is gedisponeert op vier me„ mories van den generaalen opreem. tem op een berigt van ninden heeden op aangebragte peper en nely ontwaard. Caabse provisien en andere postin meer. snagts als daags na buijten varen, zoo als het gebij diend, zoo hebben wij deese verbaande goederen bij de boeken laaten afschrijven Jn onse vergaderinge van den 10=de october Anno passato hebben gediend Vier memories van zoodanige minderheeden, in en reparable goederen, als bij het doen van den Generaalen opneem, onder ultimo augustus on„ nopassato te Cranganoor, Chettua, Papo„ nettij en Porca te kort en onbequaam bevonden zijn. Een berigt van ontwaarde min„ „derheeden op aangebragte parthijen peper en Nelij, mitsgaders Caabse provisien als meede verloorene spring beugels en een dreg, en nog Drie memories van afscheij„ „ving, als Een van uijtgewoogen en afgeloopen ef een van 't pakhuijs item op drie andere memories porthijen. van 't daspens van 't Equipogie pakhuijs eijndelijk ook nog op een be„ „vinding van den hoofd admi„ len opneem. de Den geweese Paponelijte Resident en stek: ingedrnt, van 'is geen s: „deat ultim augustus, tot zijn ingekagt en uyjtgegeven is parthijn, koopmanschappen en andere goederen 't zeedert primo zeptember 1775, tot ultimo augustus Anno pass. o Een van de verstrekte Provisien, dranken en was meer, uijt 'sComp:s dis„ „pens in den gem: tijd. Een van verstrekte hoepijzer in gem: boekjaar uijt het Equipagie pakhuijs ger onser sitting van den 19 9ber: nnstrateur wegens den generaa daar aan, is geresemeert een door den hoofd-administrateur overgeleverde bevinding van zoodanige ir- en reporable mitsgaders onbequaame en bedorve goederen, als 'er bij het doen van den Generaalen opneem, onder ultimo au„ „guistus passato ontwaard en bevonden zijn. Op alle welke papieren, na de ordre en leggendg Reglement, is gedisponeert, Den geweesen Saponettijse Re„ de drleekpot heft een ppensiptie sident Joost Breekpot, de Residentie„ vligt van Paponattij door hem mits de Jnvasie der Nababse Jroupen hebbende men ge ac tot bijlaagen hebbende twee b'eedigde verklaaring men heeft beslooten de in gekogte, peper in Reek: te accepteeren. hebbende moeten verlaaten, heeft hier Over-gelevert, een specificatie Reekening van het geen zedert ultimo augustus passato, tot zijne vlugt van daar, door hem ingekogt en uijtgegeven is, waar bij consteerde, dat als ingekogt waren op„ „gebragt 3400: lb: paper, welke met nog 700: 8: daar onder ultimo augustus per Restand geleegen hebbende, gevallen zijn in handen van den vijand, en dus met meer andere goederen daar Restand geweest zijnde, verlooren gegaan, hebbende hij Resident daar nevens overgelegt twee b'eedigde ver„ „klaaringen, ter zijner Requisitie ver„ leend, door den Paponettijse Jolk Dionijs Alewijn, en lakorijn Cutcherij Barkij welke verklaaren, dat den Resident na ultimo augustus Jongst leeden nog verscheijde keeren peeper van diverse persoonen had ingekogt; wij hebben den 28. November, hier op gedelibereert en
English
and to have the further remaining balances written off, but kept within line. It was also decided to have the cash funds that remained under the mentioned Resident transferred into the Company's treasury, and in consideration of the fact that under the present circumstances no accurate information can be obtained regarding the purchase of the net quantity of pepper, it was deemed proper to accept the purchased quantity of pepper into the account, and to have it, along with the other remaining balances that were there, specified in a note found in the aforementioned resolution, written off in the books, but to have both brought and continued within line. While we also, on the same day as a consequence thereof, have arrested to have transferred into the Company's treasury by the mentioned Resident Breekpot the rupees 2735: 26: in new fanums secured according to the delivered specified account and still remaining under him. Concerning The assessment and reimbursement Where Your High Honours have charged ƒ27138:8:8 this way to be reclaimed here. which Your High Honours have pleased to charge this way to the amount of ƒ27138:8:8:; with orders by letters of the 6th of March of the past year to reclaim that amount here from the estates of the former Cashiers in 1746/7, 1753/4, 1757/8, and 1759/60. From Nicolaas Bowijn ƒ 1924: 8: 8. From Mattheus Hendrik Beijts ƒ 8200: —. — From Hendrik Notermans ƒ 1000. —. —. Further from the estate or heir of Nicolaas Bowijn, on account of a bill of exchange amounting to ƒ 9600. –., the amount of which was received by him in cash but not entered into the account, amounting with the agio to - - - - ƒ 10464:—– Further as much as he received from Ezichiel Rhabbij, Carried over. / but The trade officials were ordered to submit a report on whether and to what extent Your Honours' orders can be complied with here. The chief administrator submits a report. Brought forward Transport but did not enter into the cash account - - - - - - ƒ 4800. –. –. From the estate of the late shopkeeper Harmanus van der Steeg, the amount under-transferred by him in the account 750. –. -. Together ƒ27138: 8:8: We have the honour to inform Your High Honours that in the session of the 2nd of September of the past year, we ordered the trade officials, upon handing over the invoice, to submit a report at a next meeting on whether and to what extent Your High Honours' much esteemed orders could be complied with here; whereupon the chief administrator Van de Graaff on the 17th of October following, delivered a report in our meeting and thereby showed that here by the heirs The same shows that the portion of the heirs of the late Cashier Beijts can be satisfied here. heirs of the Cashier Beijts could be reimbursed, to wit: By the late's widow, Miss Rachel Augustina van der Sloot, for the half of the estate enjoyed by her; the mentioned Beijts having died intestate, the half or ƒ 4100. - -. By the junior merchant and dispenser Abraham Jean Scipion Vernede as having been married to Miss Geertruijda Beijts, daughter of the aforementioned Cashier, for, as follows: As heir of 1/6 from the mentioned estate ƒ 1366:13:—: Carried over ƒ 1366: 13: — ƒ 4100: — –. Brought forward Item, on account of the inherited 1/4 of the estate of the late Reijnier Beijts, half-brother of the aforementioned Mrs. Vernede, who died underage - ƒ 341: 14. ƒ 1708. 7. - Or together ƒ 5808. 7. —. That the remainder of the ƒ 8200. —. — ought to be reimbursed by the fiscal at Bantam, Mr. Nicolaas Wendelin Beijts, son of the aforementioned Cashier Beijts, and therefore charged to Batavia, first as heir of 1/6 from the said estate - - - - - ƒ 1366. 13. - Item, on account of the inherited 3/4 of the estate of the late aforementioned Reijnier Beijts, his full brother - - - - ƒ 1025. —. —: ƒ 2391. 13. — ƒ 8200. Which is carried over Together. ƒ 1708: 7: - ƒ 4100 [illegible] Brought forward. ƒ 8200.— The share of the late Cashier Notermans can be paid by his executors. The share of the late Cashier Bowijn should be charged to Batavia. That the share of the late Cashier Hendrik Notermans could be paid by his testamentary executors, the chief surgeon Constantijn Martinsant and the garrison writer Jan Andries Helmitsz:, being ƒ 1000: - That of the estate of the Cashier Nicolaas Bowijn, nothing nor anyone of his heirs is to be found here, and therefore his entire amount of ƒ 17188:8:8 should be charged to Batavia, to be reimbursed by his heirs, who were: Mrs. Susanna van Leeuwen, widow of the late Nicolaas Bowijn, for half of the estate, the Cashier Bowijn having died intestate, being the same in the year 1755 remarried to the Captain-Lieutenant at Sea Hendrik Swaart, ƒ 8594. 4. 8. Carried over ƒ 8594: 4: 8 ƒ 9200 — - Swaart, and departed with him from here to Batavia. The bookkeeper Adriaan Cornelis Brug, who remained heir for 1/8 from the estate, according to the Orphan Chamber account. . . . . . . ƒ 2148. 11. — Nicolaas Johannes Mooyaart - - - ƒ 537:2:12. Anthonij Mooijaart ƒ 537:2. 12. Adriaan Mooijaart ƒ 537. 2:12. Jacobus Mooijaart ƒ 537:2:12. ƒ 2148. 11. - as having together remained heirs for a 1/8 portion in place of their deceased mother, the late widow Johanna Cornelia Brug, and of which the two last-mentioned 1/8 portions were transferred to the Orphan Chamber at Batavia in the year 1757/8. Jan de Jong as heir of 1/8 from the aforementioned estate, who died at Batavia, and whose share Carried over ƒ 12891. 6. 8. ƒ 9200. —. – [illegible]
Dutch transcription
en de verdere Restanten wel te laaten afschrijven dog binnen slijns te laaten voortlepen. ook is beslooten de onder gem: Resident per Restant geweest, zijnde Contanten in 'sComp:s kosse te laaten overbrangen en uijt aanmerking, dat men in deese tijds omstandigheeden, geen naaunkeuri„ „gra informatie bekomen kan, nopens den inkoop van de Netto quantiteijt peper, goedgevonden, de ingekogte quanti„ „teijt peper in Reekening te accepteeren, en met de verdere aldaar geweest zijnde Restanten, gespecificeert bij een notitie in voorschreeven besluijt te vinden bij de boeken te laaten afschrijven, dog het een en ander te laaten brengen en voortloopen binnen 's lijns Jerwijl wij ook ten zelven dage als een gevolg van dien, hebben g'aars„ „teerd om door gem: Resident Breekpor in 'sCompagnees kasso te laaten overban„ „gen, de volgens overgeleverde specifice „tie Reekening geborgene en nog onder hem Restand geweest zijnde Ropias 2735: 26: aan nieuwe fanums. Noopers De Belastinge en vergoeding Waar hoog Edelheedens hebben ƒ27138:8 :/8. dit heen aangeree„ kent om alhier in gevordert te werden. die uw Hoog Edelheedens dit heen hebben gelieven aantereekenen ten bedraage van ƒ27138:8:8:; met aanschrijvens bij g'heede letteren van den 6. maart Anno pass=o om dat bedraagen alhier in tevorderen van De boedels van de geweesene Cassiers in 174 6/7 1705 9/4, 175 7/18. en 175 5/60. Van Nicolaas Bowijn. ƒ 1924: 8: 8. van Mattheus Hendrik Beijts „ 8200: —. — van Hendrik Notermans „ 1000. —. —. Nog van de boedel of Erfgenaam van Nicolaas Bowijn, wegens een wissel groot ƒ 9600. –. welkers be„ „draagen bij hem in Cassa ont„ vangen dog bij Reekening niet ingenomen is, met het opgeld uijtmakende - - - - „ 10464:—– Nog zoo veel hy van Ezichiel Rhabbij ontvangen, Transporteere./ dog men heeft de negotie bedien„ dens gelast om te dienen von berigt of en in hoe verre aan hoog derselver ordre hier kan werden voldaan. den hoofd administrateur dient van berigt. Pr Transport dog bij de kassa Reekening niet Van De boedel van wijlen den winkelier Harmanus van „dersteeg de bij hem bij Reek: te min overgebragte 750. –. -. . ƒ27138: 8:8: gesamen Hebben wij d'Eer uw Hoog Edelheeds ter kennisse te brengen, dat wij ter setting van den 2. september anno passato de Negotie bediendens, onder afgave van de factuur hebben gelast bij een naaste vergaderinge te dienen van berigt, of en in hoe verre aan uw Hoog Edelheedens veel g'Eerde ordre alhier zoude kunnen werden voldaan; waar op den hoofd-ad„ ministrateur van de Graaff op den 17=de October daar aan, in onse vergaderinge heeft overgelevert een berigt en daar bij aangetoond, dat alhier door de Erfge„ ingenoomen heeft - - - - - - „ 4800. –. –. naamen ƒ „ - - het zelve toort aan dat de portie van de erfgenamen van wijlen den Cassier Beijls= hier kan werden voldaan „naamen van den kassier Beijts zoude kunnen vergoed werden teweeten Door wijlen desselfs weeduwe Juffrouw Rachel Augustina van der Sloot, voor de bij haar genootene helft des boedels; zijnde gemelde Beijts abintestato overleeden. de stelfte of ƒ 4100. - -. Door den onderkoop„ man en dispencier Abraham Jean scipion vernede als in huwelijk ge„ had hebbende, me„ Juff=w Geertruijda Beijts dogter van voormelde kassier voor als volgd Als Erfgenaam van — 1/6. uijt ge„ melde boe„ „del. . . . . . . ƒ 1366:13:—: Transporteere ƒ 1366: 13: — ƒ 4100: — –. P„r Transport Jtem wegens het ge„ erfde —¼ van de boedel van wijlen Reijniers Beijts halve broeder van voorschreeven Juffw vernede, die minder„ jaarig overleeden is - „ 34: 14. „ 108. 7. of Gesamen ƒ5808. 7. —. Dat het overige van de ƒ8200— —. vergoed behoort te werden, door den fiskaal te bantam M:r Nicolaas wendelin Beijts, zoon van voorschreeven kassier Beijts„ en daarom Batavia aange„ „reekent, eerst als erfgenaam van — 1/6. uijt meermelde boedel - - - - - ƒ 1366. 13. - Jtem wegens het ge„ Erfde —¾. van den boedel van wijlen voor„ schreeven Meijnicus Beijts zijn volle broeder - - - - „ 1025. —. —: „2391. 13— ƒ0200. Die Transporteerd Tesamen. ƒ 136: 1. - ƒ4100 Not teurs het het dowsijn de p„r Transport. ƒ 8200.— het aandeel van wijlen den Cassier Notermans kan door zijne Execu„ teurs werden voldaan. het aandeel van wijlen den Casleer bowijn diend batavia aangereekend te werden. Dat het aandeel van wijlen den Cassier Hendrik Noterman door desselfs testamentaire Exe „cuteurs, den opperchirurgijn Cous Geunten Martinsaut en den guarnisoen schrijver Jaar Andries Hilmitsz: konde „ 1000: werden voldaan, zijnde 1 Dat van de kassier Nicolaas Bowijn, zijnen boedel niets, nog iemand van zijne erfgenaamen hier te vinden is, en daarom desselfs gantsche bedraagen van ƒ17188:8:8. Batavia, diende aan„ „gereekent, om vergoed te werden, door zijne Erfgenaamen, die geweest zijn Mejuffrouw Susanna van Leeuwen, weeduwe wij len Nicolaas Bowijh voor de helfte des beedels zijnde de Casseer Bomijn abi„ ƒ8594. 4. 8. testato overleeden —— zijnde deselve in anno 1755. hertrouwt met den Cap=tn Lieuten=t ter Zee Mendrik swaart Transporteere ƒ 0594: 8: 8 9200 — . swaart en met denselven van hier na Batavia vertrokken Den boekhouder Adri„ aan Cornelis Brug die voor — 1/8. uijt de boedel i erfgenaam gebleeven blijktens weeskomenklee„ P„r Transport - - - ƒ 8394 4: 8 ƒ 200 kening. . . . . . . „ 2148. 1„ — Nicolaas Johannes Mooy aart - - - ƒ 537:2: 12. Anthonij Mooijaart „ 537:2. 12. Adriaan Mooijaart „ 537. 2:12 Jacobus mooijaart „ 537:2:12. „ 2148. 11 als gesamen voor — 1/8. ge„ „deelte erfgenaam gebleeven zijnde in steede van haar overleeden moeder wijle de weduwe Johanna Cornelia Brug, en waer van de twee laast genoemde 1/8. gedeeltens in a:o 175 7/8 aan de weeskamer te Batavia overgemaakt zyn. Jan De Jong als Erfgenaam van /8. uijt voormelde boedel die te batavia overleeden is, en welkers aandeel Transporteere ƒ12891. 6. 8. ƒ 9200. —. – van De pa waade
English
The share of the late shopkeeper van der Steeg could not be seized. Brought forward: ƒ12891. 6. 8, ƒ 9200. share not administered by the Orphan Chamber here: ƒ 2148. 11. —. The wife of the military Captain Johan Bulkens for 1/8: ƒ 2148. 11 — having the titular junior merchant at Souratta Frans Bernhard Zimmerman, in marriage the daughter and heir of the same: ƒ 17188: 8. 8. That the late shopkeeper Harmanus van der Steeg died in the year 1758, and his estate had already been remitted to Europe by his testamentary executors, so that it could not be seized, the under-accounted money as before: ƒ 750, ƒ27138. 8. 8. Where The shares of the aforementioned persons, the monies have been paid into the Company's treasury, but that of the acting fiscal Beijts at Bantam has been charged back to Batavia. Whereupon the said Head Administrator requested our decision, and also to know how he should enter and process the aforementioned invoice in the books. We have on this matter approved that the share of the designated persons who are still living here, namely Mrs. Rachel Augustina van der Sloot, widow of the late Matthijs Hendrik Beijts, the junior merchant and dispenser Vernede, and of the late former cashier Notermans, together amounting to ƒ 6808: 7—, be paid into the Company's treasury, as has already occurred; the share of the merchant and fiscal at Bantam Mr. Nicolaas Wendelin Beijts to be charged back to the capital place to be paid into the Company's treasury there, and the shares of the persons, as well as the share of the person who died, departed for Batavia or elsewhere, and of whom, as far as is known, no heirs are to be found here anymore, likewise to be charged back to the capital place; but provisionally to enter the calculated amount of the said invoice into a separate account in the books, and to write off the credit accrued thereby to this office on the general account. How much pepper has been collected in a year around; how much more than last year. Pepper has been collected on this Coast since 15 December in the year 1775 until mid-December last, according to a memorandum coming over among the annexes, a quantity of 1464798¾ pounds, and thus 644355¾ pounds more than the previous year, which increase is principally to be attributed to an opulent delivery by the King of Travancore, whose suppliers have brought to the scales 1383823¼ lb, namely: At Porca: 1102501 lb: —. At Calicoilan: 266322¾ lb. At Cranganoor: 15000 lb: —. At Calicoilan was privately collected: 4500 lb: —. At Cranganoor: 41200 lb: —. At Paponetty: 28650 lb: —. At Chettua: 6625 lb: —. How much has been dispatched with Honkoop. Of the aforesaid quantity, 1068600 lb has been dispatched to Ceylon with the ship Honkoop, and the remaining quantity, against the ministers' requisition of 1200000 lb, will be provided on the next occasion, because the aforementioned ship had a stowage layer of coffee beans in it, and having also taken in teak planks, sugar, sulphur earth, saltpetre, and further goods here, could not load any more. How many coolies have been dispatched to Ceylon. 3540 skins [illegible] coolies for the packaging of cinnamon have been sent to Ceylon with the aforementioned vessel. Reasons why it is difficult to obtain cardamom. Cardamom is presently difficult to obtain, because the lands where it grows are becoming more and more devastated, and yield less cardamom than before, whereby it climbs higher and higher in price; that region belonging under the Nabob Hyder Ali Khan, who, continuously in want of money to pay his armies, levies heavy contributions on those lands, which are collected by military execution; wherefore many inhabitants abandon the country and take refuge elsewhere. Nothing could be fulfilled on the Home Requisition of 1776; for that of the year 1777 there is also no prospect; due to the war with the Nabob all correspondence to the north has been cut off. On the requisition of the Lords Directors of the year 1776 we have been able to fulfill nothing, and see no chance to procure anything on the recently received requisition for the year 1777, dated 10 October 1775, amounting to 20000 lb, since due to the war that the Nabob Hyder Ali Khan has made against the Company, all correspondence to the north has been cut off. Among the annexes from the Fatherland a packing slip for a chest of cardamom has been received; the Ceylon ministers inform that upon inspection the cardamom chests were mostly found to be too light. Among the papers recently received from the Fatherland we have found a packing slip for a chest of cardamom dispatched from here via Ceylon to the Netherlands in the year 1774; the Ceylon ministers have written to us in this regard that, upon the inspection that was sent to them by the Lords Directors, [illegible]
Dutch transcription
De partie van wijlen den winkelier van dersteeg kon niet ingpalmt waaden. P:r Transport - - - ƒ12891. 6. 8 ƒ 9200. aandeel niet door de weeskamer hier is ge„ administreert - - - - „ 2148. 11. —. De huijsvrouw van den Cap=n militair Johan Bulkens voor - /8. - - - „ 2148. 11 — hebbende den Jitulana onderkoopman te sou„ „ratta J vans Bern„ hard Zimmerman, in huwelijk de dogter en Erfgenaame van deselve „ 17188: 8 8. Dat wijlen den werke„ „lier Harmanus van der steeg in anno 1758: overleeden, en zijn nala„ tenschap door desselfs gestal mentaire Executeurs, reets na Europa was overgemaakt, dus niet konde werden ingepalint de te min verantwoorde „ 750 Peld als vooren ƒ27138. 8. 8. Waar de portif van de gem: persoonen de penningen, zijn in 'tCompagnies kasse voldoen. doch die van den te bantam fin„ geerende fiskaal Beijtf heeft men na batavia laaten terug Reekenen. Waar op gemelde hoofd adminstra „teur versogt onse dispositie, en teffeng om te moogen weeten, hoedanig shij de voormelte factuur bij de boeken zoude inneemen en verhandelen Wij hebben hier op goedgevonden of het aandeel van de daar bij aangeweesene persoonen die hier nog in weesen zijn, als Mejuff=w Rachel Augustina van dersloot, weduwe wijlen Matthius Hendrik Beijts, den onderkoopman en geb en dispencier vernede, en van wijle de geweese kassier Notermans, tesamen bedraagende ƒ 6808: 7-. Jndias, hoe in 'sCompagnies kassa te laaten voldoen inge gelijk ook Reets is geschied, het aandeel van den koopman en fiskaal te Bantam M:r Nicolaas Wendelin Beijts, na de hoofdplaatse te laaten te rug Reekenen, om in 'sCompagnies kasse zoo waar meer te war dae vneden zijn enfginaamsan dog het aangereekende bedragen op een aparte reekening te laten innemor en het dit Comptoir ten goede gebragte op 't generaal te laaten afschijven hre veel poper in een Rond Juca ingesameet hoe veel t0. meerder als annopass:o kassa aldaar voldaan te werden en de porties van de persoonen zo meede de portie van de person, die overleeden, na Batavia of Elders vertrokken, en waar van voor zoo veel bekent is, hier geen Erfgenaamen meer te vinden zijn, insgelijks na de hoofdplaatse laaten te rug Reeke„ „nen, dog het aangereekende bedraagen van gem: factuur bij provisie op een aparte Reekening bij de boeken te laaten inneemen, en het daar bij dit Comptoir ten goede gebragte op het Generaal te laaten afschrijven. Peper is ter deeser Custe zeedert den 15. december anno 1775. tot medio december Jongstleeden, blijkens een onder de bijlagen overkomende memorie ingesamelt een quantiteyt van 1464798¾ ponden, en dus 644355¾. M: meerder, als het voorige Jaar, welke meerderheijd voor hoe veel met Honkoop versonden is. voornamentlijk toe te schrijven is, aan een opulente Leverantie van den koning van Grevancoor, welkers Leveranciers ter schaale hebben ge „bragt 1383823¼. lb: te weeten lb: 1102501: —. te Calicoilan. ... „ 266322:¾. te Cranganoor. . . . . . „ 15000: —. p Calecoilan is particulier ingesamelt „ 4500: —. te Crangawoor. . . . . . . „ 41200: —. te Paponettij. . . . . . . „ 28650: —. te Chettua - - - - - - „ 6625. —. van de voorschreeven quantiteijt is met het schip Honkoop na Ceilon versonden 1068600: lb: en de Resteerende quantiteijt, op der ministers Eysch van 1200'000: lb zal bij nader gele„ „gentheijd worden besorgt, dewijl voor„ „melde schip een onderlaag van Coffij= „boonen in had, en hier ook tekke plan„ „ken, zuijker, swavelaarde, salpater„ Te Porca. ... . en hoe ver oud llen „bn hoe veele koeluijden na Ceijlon zijn versonden. reedenen waarom het mas be„ swaarlijk valt om Cardomoin te bemagtigen. en wes meer ingenoomen hebbende niet meer heeft kunnen laaden. hoeluijden tot Amballeeringe van Caneel zijn met voormelte bodem na Ceijlon gesonden. 3540: Vellen ardamom is thans beswaarlijk te bekomen, door dien de landen, waar deselve valt, meer en meer verwoest werdende, en minder Carda„ „mom als bevoorens uijt leeveren, waar door deselve hoe langer hoe meer in prijs opklumt, sorteerende die landstreek onder den nabab Heijder Alij chan, die geduurig om geld verlegen is, om zijne legert te betaalen, swaare Contributies op die landen legt, en welke bij militaire Executie worden opgehaalt; waarom veele gn d op den Patriasen Eisch van 1776. heeft niets kunnen voldaan werden. voor die van anno 1777. is meede geen apparentie door den oorlog met de Nabab is alle Correspondentie om de noord afgetneeden. men heeft onder de bijlagen Patri„ van een kist Cardaman ontvangen. de Ceijlonse ministeal bedeelen dat bij de bevending de Cardamom kisten meest alle te ligt zyn bevonden. Jnwoonders het land verlaaten, en na Elders de wijk neemen op den Eijkl van de Heeren Majorel van den Jaare 1716. hebben wij niets kunnen voldoen, en zien geen kans, op den Jongst ontvangenen Eijsch voor den Jaere 1877. gedateert 10. october 1775. groot 20'000: lb: iets te bemagtigen, vermits door den oorlog die den nabob Hijder Alij chan d' Compagnie heeft aangedaan, alle Correspondentie na de noord is afgesneed Onder de Jongst uijt het Patroaten ase papieren een afpakbriefje ontvangene papieren hebben wij ge„ vonden een afpak briefje van een kest Cardamon in Anno 1014: van hier over Ceijlon na Nederland versonden; de Ceijlonse ministers hebben ons derwegens aangeschreeven dat bij de bevinding die hen door bed de heeren meesteren is toegesondende gitteerde laat uft en sanden ling van 2 at hier
English
...ing, from which it appears that each chest was found to be 10 lb. too light. An investigation was conducted here regarding this, but it was not found that bad faith had taken place here. Thus the warehouse master and commissioners, offering to take an oath, declare that they weighed out 150 lb. of cardamom into each chest. From the returns received in the Netherlands from Ceylon in 1775, it appeared, among other things, that the Malabar cardamom chests sent from Gale were almost all found to be too light, but that the packing slips had not been received in Ceylon, sending us also an extract from the said findings, from which it appeared that on each, 10 lb., and thus on the 30 chests, 300 lb. were found short. We have had an investigation conducted here as much as possible as to how this may have occurred, but have not been able to discover that bad faith took place here. The warehouse master Saffen and commissioners, the bookkeeper Willem van der Sloot and assistant Gilles Den Brouwer, still declare that they weighed out and packed 150 lb. of cardamom into each chest, and declare that they can maintain this under oath. How the cardamom chests are handled here. It is not known whether the gross weight tallied or not. If the gross weight had tallied, one would have to conclude that an error was made in weighing the cardamom. The warehouse master and commissioners could not be held accountable. The cardamom chests are indeed nailed shut, and the seams covered with linen and pitched, but are not sealed; and we also do not know whether the gross weight with which the chests are described tallied or not. For if those chests were shipped from Gale with the same gross weight as they were received from Cochim, and in Europe the gross weight had also tallied, one would have to conclude that an error was made in weighing the net cardamom. But now, not knowing how the matter stands with the gross weight, we have also not been able to hold the warehouse master and commissioners further accountable here for this underweight, but have made the Ceylon ministers acquainted with the one and the other. The Ceylon ministers have been informed of the matter. State of the Reformed religion. The secunde Van Vaan appointed as Commissaris Politicus. Regarding the Reformed religion, there is nothing else to report than that it continues in that cheerful state in which it has been shown several times, and that the Reverend Minister Pieter Cornelisz makes every effort to instruct the youth of Cochim in the fundamentals of our religion. In the Church Council, the Director, the Honorable Willem Jacob van der Graaff, who departed for Souratta, has been succeeded as Commissaris Politicus by the secunde and head administrator Reijnier van Vaan. The deacons have rendered account of the poor and leprosy funds of the previous year. The submitted report shows how large the capital of both was as of the last of August. How many lepers are currently maintained. The deacons and outer regents of the leper house have publicly rendered account, in the presence of two members of our Council, of the administration of the poor and leprosy funds administered by them during the financial year 1775/6, whereof the report submitted regarding this is recorded in our Resolution of the 19th of November last, showing that the capital of the poor as of the last of August aforesaid was 17148 Ropias 2 m, and that of the lepers 6938 Ropias 4 m. In the aforementioned leper house at Baliaporto, 9 infected persons are currently maintained, as appears from this separate accompanying roll of names. Two persons found infected and separated from human society. The Governor has made known his considerations regarding the request of the bishop of Warapolij to have a house in the city, in a separate letter to the Gentlemen Majores. During the latest inspection of the households, the stepson of the sergeant Jan Carel Wolff, named Jan Matthijs Essenbag, a youth of 18 years, and an old Topass slave woman belonging to the citizen ensign Manuel De Gama, were found infected with the grievous disease of Asiatic leprosy; wherefore the necessary measures have been taken so that these persons remain outside the city and separated from human society. Regarding the Roman Catholics of this Coast, it serves to state that the first undersigned has supplied his considerations on the request of the bishop Francisco van Salis for permission to purchase and reside in a house in the city, to the Gentlemen Majores in a separate missive dated the 12th of October last, which now arrives in copy. The same arrives in copy. The bishop and European fathers live in great discord. The head administrator Van Vaan, President in the Council of Justice. The further changes in the colleges, see resolutions of the 2nd and 27th of January. While we further note regarding these clergymen that the bishop and the European fathers at Warapolij live in great discord with one another, which has gone so far that the bishop has had to leave Warapolij and take up his residence at Mangattij. In the Council of Justice, the secunde and head administrator Reijnier van Vaan has succeeded as President, in place of the Director Willem Jacob van der Graaff who departed for Souratta, and the further changes in this and the lesser colleges may be seen in our Resolutions of the 2nd...
Dutch transcription
ing waar bij blijkt dat ieder ust 10. lb. tb lijt bevonden. /. „gen heeft hier na ondersoek atrwaten doen doch niet bevonden. at hier quaare trouwe heeft laatf gevonden. soo den pakhuijsmeester en gecom„ citteerden onder presentatie van d betuijgen in ieder kist 150: lb. dgadamon te hebben afgewoogen. van de in 1775. in nederland van Ceijlon ontvangene Retouren, onder 6 anderen bleek; dat de van gale versondene mallabaarse Cardamon kassen, meest alle zzijn te ligt bevonden, dog dat men de afpak-briefjes te Ceijlon niet ontvangen had, zendende „lenden een Extract, uijt de bevin ons daar benevens toe, Een Extract uijt de gem: bevinding, waar bij bleek, dat op ieder, to k;, en dus op de 30: kisten 300. lb: waaren te kort bevonden, wij hebben hier zoo veel mogelijk laaten ondersoeken, waar bij dit te pas mag zijn gekomen, maar niet kunnen ontwaaren, dat hier kwaade trouwe heeft plaats gevonden, de pakhuysmeester Saffen en gecommitteerdens de boekhouder Willem van der Sloot en assistend Gilles Den Brouwer, betuijgen als nog, dat ze 150: lb Caadamomn en hoe, hier met de Cardamon kisten gehandelt werd. men weet niet of het bantto gewigt wel uijtgekomen soutaffoun Enkossa wal wa uijtgekomen zoude moeten gen van de Caadamon abuij was begaan en gecommitteerde naa niet kunnen aanspreekelijk stellen in ieder kist hebben afgewoogen en afgepakt, en verklaaren dit met eede te kunnen gestand doen. De Cardamom kisten werden wel toegespijkert en de naaden met linne bekleed, en geharpuijst; maer worden niet verseegelt; en wij weeten ook niet, of het brutto gewigt, waar meede de kisten beschreeven zijn wel uijtgekomen s, of niet, want zoo die kisten te Gale met het zelfde brutto gewigt afgescheept, als ze van Cochim ontvangen zijn, en ook in Eu„ indien het banto gewijt kote ropa het bruto wel was uijtgeko„ gesteld werden, dat in het afwe men zoude men moeten stellen dat in het afwegen van de netto Cardamom abuijs was begaan, mae nu niet weetende, hoe het niet het men heeft den pakhijs meeten bruto gewigt geleegen is; hebben wij ook hier den pakhuijsmeester en gecommitteerdens niet verder nut kunnen men heeft van 't een en onder de Ceijlonse ministers kennisse gegeven. de gereformeerde godsdienst staat. de secunde van waan als Com„ kunnen aanspreekelijk stellen, voor dit minwigt, dog het een en ander aan de Ceijlonse ministers te kennen gegeven. Omtrend Den Gereformeerden Godsdienst 'Continueert in heen kinchelijke valt niets anders te melden, dan dat deselve Continueert in dien heugelijken staat, waar in deselve te meermaalen is vertoont, en dat den Eerwaarden Pre„ „dikant Pieter, Cornelisz: alle moeite aanwend om de Cochimse Jeugd in de gronden van onsen Godsdienst te on„ „derwijsen Den Kerken Raad, is in stoende missamt Politicus aangesteld. van den na souratta vertrokken Derecteur D' E: Willem Jacob van der Graaff, als Commissaris Politicus gesuccedeert, den secunde en Hoofd Jn De Diaconen hebben bewijs gedaan en leprote middelen van anno vors het ingekomen Rapport toont aan hoe groot het Copitaal van beijde onder ultimo augs is geweest hoe veel seprosen thans onder„ houden werden hoofd administrateur Reijnier van De Diaconen en Buyten van de adamnistatie der aamen Regenten van het Leprosen„ huijs, hebben in het openbaar be„ „wijs gedaan, ten overstaan van twee leeden onses Raads, van de arme en de prose middelen, geduurende het boekjaar 177 5/6. door hen g adminis„ streert; waar van het derwegens in„ „gekomen Rapport in onse Resolutie van den 19. November Jongstleeden in „geschreeven is, aantoonende dat het Capi „taal der armen onder ultimo augustus Groot voormeld is geweest Ropias 17148: 2 m Geln 6938: 4. - majore En dat van de seprasen Jn voormelde Leprosenhuijs te Baliaporto werden thans onder„ houden 9. besmettelingen, blijkens deesen versellende naam Rolle aparte pi Bij Waan parte twee persoonen bes met bevon„ den en van de menschelijke samen levang gesepareert V De gouverneur heeft zijne beden„ „kingen op 't versoek van den bisschop stad te moogen hebben bij een aparte briev aan de heeren 4. majores te kennen gegeven. Bij de jongste visitatie der huijsgesinnen, is de stiefzoon van den zergeant Jan Carel Wolff, genaemt Jan Matthijs Essenbag, een jongeling van 18. Jaaren, en een oude slave toepesse meijd, van den vaandrig den burgerij Manuel De Gama met de bedroefde ziekte van asiatise Lasernije besmet bevonden; waarom de noodige voorsienige gedaan is, dat deese menschen buijten de stad, en van de menschelijke sa„ „menleving gesepareerd blijven Aangaande De Rooms-Gesinden tr van warapolij om een huijs in de deeser Custe dient, dat de Eerst getee„ kende zijne bedenkingen, op het versoek van den besschop Fransiso van Salis, om permissie, tot het kopen en verblijven van en in, een huijs in de stad, aan de heeren Majores deselve komt in Copia over. De bet schop en Europeese patens leeven in groote oneenigheijd den hoofd administrateur van warn, President in den Raad van Justitie de verdere verschensingen in de Colligief vide rek: van den 2: en 87 Janun: bij een aparte missive onder dato 12: october J:=o leeden heeft gesuppediteert welke thans in Copia overkomt Terwijl alverder, nopens deese geestelijken, noteeren, dat den besschop en de Europeese paters te warapolij met elkander in groote oneenigheijd leeven, die zoo verre is gegaan, dat de besschip, warapolij heeft moeten verlaa„ ten, en zijn verblijf neemen te man„ geda „gattij. Jn Den Raad van Justitie is als President gesuccedeert den becande en hoofd administrateur Reijnier van Haan, in steede van den na Souratta vertrokken Directeur Willem Jacob van de Graaff, en de verdere verschansingen in dit en de mindere Collegies, zijn te zien bij onse Resoluties van den 2 de heeft
English
The Curator ad lites has not accepted any estates. The secretaries have rendered proof. The head administrator has submitted two reports. 2 and 8 January Anno passato, to which we refer for brevity's sake. The Curator Ad Lites has again accepted no estates in the past year. The Secretaries of Justice and the Orphan Chamber have properly rendered account, proof, and Reliqua of the funds administered by them, as evidenced by the reports inserted into the Resolution of 6 March and 10 October Anno passato; likewise, the head administrator has submitted two reports regarding stamped paper that was prepared, sold, and remaining in balance, which are to be found in our resolutions of 30 April and 10 October aforesaid. In what number the military, artillerymen, and seafaring personnel consist. How many of them belong at home here. The remainder were sent on loan from Ceylon for reasons as in the text. The seafaring personnel, artillerymen, and military to be found here consist indeed of a considerable number of 1990 heads, as evidenced by the accompanying General Brief Strength, being: 1830 military, 106 artillerymen, 54 seafaring personnel. Among which are counted 475 Sepoys; but of these, aside from the Sepoys, only 413 heads belong at home here, being: 304 Europeans and Topasses, and 109 Easterners. The others have been sent to us on loan and out of necessity to prevent the further intrusion of the Nawab Hyder Ali Khan, and if possible to recover what was lost. Their High Excellencies are requested for more military personnel, namely for two companies of Balinese and as many Bugis. Desertion cannot be entirely prevented. How many heads have deserted in a round year. Reasons for the increased desertion. And we most humbly request Your High Excellencies to assist us with further military personnel, and primarily with two companies of Bugis and two companies of Balinese. Desertion cannot be entirely prevented on this Coast, for notwithstanding the set reward for their capture, 18 persons have nevertheless run away again since 1 January 1786 until the last day of December recently past, being: 16 Europeans and 2 Easterners. Although the increased desertion is also somewhat to be attributed to the larger number of troops that are currently stationed here, and to which is added that in our Camp Cranganore certain individuals, knowing how to slip out quietly to fetch cattle from the country, are captured and carried off by the Nawab's people, who are on the lurk everywhere; against which watch is kept as much as possible in the camp, though it is impossible to prevent it entirely in an encampment. The pay books are to follow at the first opportunity. The same were found to be in proper order. The Pay Books, of which three sets in two chests will follow at the first direct opportunity, have, as shown by our resolution of 12 December recently past, been inspected by specially appointed commissioners and found to be in proper order; their report is inserted into the aforementioned Resolution and shows that the Curator ad lites, as has already been said, has accepted no estates of deceased servants, and that the retracted and paid-off pay accounts have been properly receipted. The General Muster Rolls have also been compared against the said books. The fortifications are now properly repaired. The General Muster Rolls currently being sent over have also been compared against the said books and found to agree, as evidenced by what was noted in our Resolution of 10 October Anno passato, and the report of the mustering is to be found in our resolution of 6 August prior, with the salaried personnel noted therein as having remained absent being found to be still among the living, and not having appeared on account of illness. The Fortifications of this City have now been brought into a proper state by repairing the defects and making the necessary improvements. An account thereof will be given in this general description. The curtain from the River Gate up to Stroomburg has been extended and reinforced. And since everything has now been virtually completed, and the defects that were present thus no longer belong under the secret matters, we shall now give an account thereof in this general description and bring to the knowledge of Your High Excellencies that, pursuant to authorization obtained by separate letter of 20 September Anno passato, the Curtain from the River Gate up to Stroomburg has been extended and reinforced by raising a wall on the inside of Slooterdijk and by filling the same with earth, in order to make the points Stroomburg and Overijssel have good communication with each other; this work was, pursuant to what was communicated from here by separate letter of 18 November thereafter, assigned to the recently deceased surveyor De Graaff for a sum of 7000 Rupees, on the condition that the wall also be placed on piles and on a frame, and further on the same additional conditions as he had previously accepted for the other section from the River Gate to Overijssel. This work was assigned to the deceased surveyor De Graaff for 7000 rupees; the same was nearly completed upon his death, but was subsequently finished by his executors. When everything was ready, the same was examined and found good. The same was nearly executed upon the death of the said De Graaff, and the remainder was entirely completed by his executors, all under the further and special supervision that was also kept over the aforementioned other work; and when everything was ready, the same was examined by the head administrator Van Der Graaff, Major Medeler, Captain
Dutch transcription
de Curator adlites heeft geen boedels aanvaart. De de secretarissen hebben bewijs gedaan de hoofd administrateur heeft twee berigten ingedient. 2. en 8. Jannuarij Anno passato, waar aan wij ons kortheijds halven gedraa„ gen. De Curator Adlites heeft het ge„ passeerde Jaar weeder geene boedels aanvaart. en Decretarissen van Justitie en Weeskamer, hebben behoorlijk Reekening, bewijs en Reliqua gedaan, van de gelden, door hen g'administreert, blijkens de Rapporten ter Resolutie van den 6. maart en 10. october A„o pass:o g'insereert; gelijk ook den hoofd ad„ ministrateur gedient heeft van twee berigten, wegens aangemaakt, ver„ „kogt en per Restant gebleven gestem„ „peld papier, welke te vinden zijn in onse besluijten van den 30- Ap. l den 10 october voormeld. in welk getal de militairen. Arthilleresten en zeevaart bestaan hoe veel daar van hier thuijs horen de overige zijn ter leen van Ceylon gesonden om reden als in den text. Zeevaarende kisten en hier te vinden, bestaan wel in een aanmerkelijk getall. van 1990: koppen, blijkens de overkomende Generaale korte Sterkte als 1830: militairen 106 arthillensten 54: Zeevaarende. Waar onder gereekent 475. Sepaijer, dog daar van, behooren buijten de h sepaijers, hier maar thuijs. 413. koppen, als 304. - Europeesen en toepatsen en 109. -. Oosterlingen. De andere zijn ons ter Leen en uijt hoofde van noodzaakelijkh:d eede toegesonden om den verderen indrang van de Nabab Heijder AlijChan te beletten, en des mogelijk te a Militairen, Arthille ba l. haar na bale De len Jaar haar hoog Edelheedens werden vertogtt om meerder mili„ haeren. namentlijk, om twee Compagnien baker en zoo veel boegneeden E De Desertie kan niet ten Eenemaal belet werden. hoe veel koppen in een rand„ Jaar gedeserteert zijn. redenen van de meerdere desoatie. herwinnen het verboorene, en wij versoeken uw Hoog Edelheedens oot „moedigst ons nog met meerder mili„ „tairen en voornamentlijk met twee Compagnien boegineesen en twee Comp. baliers te willen assisteeren. De Desertie is ter deeser Custe niet ten Eenemaal te beletten, want niet teegenstaande de gestelde premie voor het opvatten derselve, zijn 'er egter zeedert primo Jannuarij 1786. tot ultimo december Jongstleeden wederom 18. persoonen weggeloopen, als 16. Europeese en 2. Oosterlingen. schoon de meerdere desertie ook Eenig„ „sints toe te schrijven is, aan de meerdere manschappen, die thans hier bescheijden zijn, en waar bij ook komt, dat 'er in ons Compte Cranganoor deese en geene De de zoldij boeken staan bij Eerste glegenth:d te volgen. deselve zijn na behooren bevonden geene in stilte weetende uijttegaan om koebeesten uijt het land te haalen, door snababs volk, dat over al op de Loere Jagt Sit, opgevat en wiggebaagt word, waar tegen zoo veel mogelijk in 't Comp gewaakt word, dog het geen in een kamp onmogelijk zoo ten Eenemaal te beletten is. Soldij Boeken, waar van drie stollen in twee kossen bij Eerste directe gelegenth=d zullen volgen, zijn uijtwijzens ons besluijt van den 12. december Jongstleeden, door Expresse gecommitteerdens gevisiteert; en na„ behooren bevonden; hun Rapport is ter voorschreeven Resolutie g'ensereert, en toont aan, dat den Curator adlites gelijk reets gesegt is, geene boedels van overleedene dienaaren heeft aanvaart, en dat de ingetrokke en af de Generaale monster Vollen zijn ook tegen gem: boeken ge„ confronteerd. kleeden. de fortificatien zijn nu behoorlijk hersteld. afbetaalde zoldij Reekeningen be„ „hoorlijk zijn gequiteert De thans overkomende Generaale Monster Rollen, zijn ook tegens gemelde boeken gecon„ „fronteerd en accordeerende bevonden blijkens 't aangeteekende bij onse Reso„ vide Resolutie van den 10. octoba lutie van den 10. october Anno pass.o en het Rapport van de monsteringe, is te vinden in ons besluijt van den 6. augustus bevoorens, zijnde de daar bij aangeteekende, absent geblee„ „vene gegagieerdens, bevonden nog in leevende lijve te zijn, en mits ziekte niet verscheenen Fortificatien deeser Steede zijn thans gebragt en een behoorlijke staat, door het herstellen der gebree„ ken en het maaken van de noodige ver men zal bij deese gemeene beschrijving. daar van verslag doen. de gordijn van de Revier„ poort tot aan stroomburg is verlengt en versterkt. verbeeteringen, en dewijl nu alles genoegsaam g'absolveert is, en de gebreeken die 'er aangeweest zijn, dus nu niet meer onder de secreet perioden behooren, zullen wij nu daar van bij deese gemeene beschoi „ving verslag doen, en ter kennisse van uw Hoog Edelheedens brengen, dat volgens erlangde qualificatie bij aparte missive van den 20 7ber: Anno pass:o de Gordijn van de Revier „poort tot aan Stroomburg is ver„ „lengt en versterkt, door het ophaalen van een muur aan de binnen zijde van Slooterdijk en door deselve met aarde optevullen, ten eijnde de punten Stroomburg en overijsce een goede Communicatie met elkander te doen hebben; dit werk was, ingevolge het van hier bedeelde bij aparte missive van wanneer het wel dit werk wat opgedragen aan den overleeden landmeeter ale Graaff voor 7000. rop: het zelve was bij overlijden van denselven bij na voltooijt doch if naderhand door desselfs Executeurs volbragt. wanneer alles klaar was is het zelve g'Examineert en wel bevonden. van den 18: November daar aan, op„ gedraagen aan den onlangs overledden landmeeter De Graaff voor Eene somma van 7000: Ropias, mits dat de muur ook op paalen en op een Raam gebragt werde, en voorts op de selfde verdere Conditien, als hij bevoorens het ander gedeelte van de Revier poort tot na overijssel aangenomen had, het zelve was bij overlijden van gemelde De Graaff bij na g'Effectueerd en het overige is door desselfs Executeurs ten Eenemaal g'absolveert, alle 't onder het nader en speciaal toesigt, dat over het voorschreeven ander werk ook gehouden is, en wanneer alles klaar was, is het zelve g'ex„ amineert, door den hoofd-adminis„ „strateur van Der Graaff, de majoor Medeler, der Cap=n
English
as appears from the Report inserted into the Resolution of 30 April. the agreed sum has been written off in the books. Captain Lieutenant of the Artillery van Asbeek, the Equipment Master Buijs, and the Overseer of the Armory van Eijk, and who found that the work was executed properly and in every respect according to the Condition, as appears from the Report received thereof, inserted into the Resolution of 30 April of the past year; upon this we decided to have the payment of the remaining 1000: Ropias—as the late De Graaff had already received 6000: Ropias on account for the purchase of the materials and the payment of the laborers—paid to his heirs, and to have the entire sum of 7000: Ropias written off to the account of fortifications. Likewise, according to Your Right the parapets have been raised to a suitable height. and the ramparts repaired and plastered. this work was completed in the month of April. Honorable Sirs' honored authorization, contained in a separate missive of 25 September 1772, the parapets of this fortress were raised to a suitable height, and the ramparts, where necessary, repaired and plastered; we had this work carried out by the Captain Lieutenant of the Artillery van Asbeek, the Surveyor De Graaff, the Ordinary Fireworker and Overseer of the Armory van Eijk, and the Master Craftsman of the House Carpenters van Der weijden, among whom the same was divided according to how each saw opportunity to effect it along the way; this work was completed in the month of April of the past year, and at our session of the 30th of that month twelve specifications were received thereof, one of each the received specifications amount to supra 21788 7/10. the work was examined by appointed Commissioners point and curtain; namely of the Seven Points Gelderland, Holland, Zeeland, Uijtregt, Vreeslant, Greuningen, and 't Gabjoen, and the five curtains lying between them, which specifications are written into the aforementioned Resolution, and together amount to Ropias 21788 7/10; the first undersigned kept oversight while the work was in progress, to ensure that everything was properly executed, yet to be even more certain that everything was properly made firm and strong, had it inspected and examined by the Second and Chief Administrator Willem Jacob van de Graaff, the Major and Head of the Militia Jan Hendrik Medeler, the Captains Christiaan Emanuel van Berskij and Adriaan Cornelis and as appears from the Report was properly completed. the sum brought forward for it, the remainder due to the contractors was satisfied. the entire sum was written off Cornelis Leever, the Captain Lieutenant Anthonij Beeker, and the Equipment Master Lourens Buijs, whose Report can also be found in the aforementioned Resolution, which clearly demonstrates what was done, and that everything was completed properly; the sum brought forward for this in the specification we found, in comparison to the size of our fortress and the improvement made to it, to be as modest and cheap as could be done here, and therefore had the sum of Ropias 10480 9/10 still due to the executors paid to them, as they had already received an amount of Ropias 11308 on account; both sums we have had written off the deepening and lengthening of the moat around the city, item the raising of the covered way, and the repair of the stone berm have also been completed. its depth in order to speak with certainty about the expenses of that work, a part was first undertaken in the books to the account of fortifications. The deepening of the moat around the city, and the lengthening of the same from the point Holland past the point Gelderland and the Bay Gate to below the so-called Commander's Point; item the raising of the covered way and glacis, as well as the repair of the stone berm, have also finally been completed; so that now the moat, which previously was occupied here and there with brushwood as if with small islands, and so to speak was dry almost everywhere, is now so deep that at the average low tide it holds 6 to 7 feet of deep water. In order to be able to judge with certainty about the under special oversight, not only that the work had good progress, but also that nothing of importance was charged unless knowingly used. had amounted to Ropias 1128: expenses of such a work, we had the section from the flanked angle of the point Holland to the flanked angle of the point Zeeland undertaken—because it was also needed there first—by the Fireworker Voogt and the Carpenter Job Vijverberg, both persons deemed best to undertake such work, yet under such special oversight that not only did the work make good progress, but also that no coolies or necessities of importance could be brought to account other than what were in fact used for it; the deepening of which section, according to a specification received under offer of oath, inserted into our Resolution of 10 October last, cost
Dutch transcription
blijkens Rapport ter Resolutie van den 30 April g'insereert. de, veraccordeerde somma heeft men bij de boeken laaten afschrijven. Capitain Lieutenant der arthillerije van Asbeek, den Equipagiemeester Buijs en opsiender der wapenka„ „mer van Eijk, en welke bevonden hebben, dat het werk behoorlijk en in allen deele volgens de Con= „ditie uijtgevoerd is, blijkens het daar van ingekomen Rapport, ter Resolutie van den 30. April A„o passoo g'insereert; wij hebben hier op beslooten, de afbetaalinge van de nog Resteerende 1000: Ropias, alzoo wijlen De Graaff bereets 6000: Rop.:s op Reekening genooten had, tot het inkopen van de materialen en afbetaalen der arbeijlslieden, aan des„ „selfs erfqenaamen te laaten afbetaalen, en de geheele somma van 7000: R:s dit op Reekening van fortificatien te laaten afschrijven Jnsgelijks, zijn volgens uw Hoog Edelheeds Jai de borstweeringe zijn tot een bequaame hoogte op ge„ haald. ende wallen, verholpen en veplijsten. dit werk in in de maand april g'absolveert Edelheedens g'Eerde qualificatie, vervat bij aparte missive van den 25. zeptember 1772. , de borstweeringen, deeser vestinge, tot een bequaame hoogte opgehaalt, en de wallen daar ze het noodig hadden, verholpen en gepleijstert; dit werk hebben wij laaten uijtvoeren door den Capitain Lieutenant der Arthillerije van Asbeek, de Landmeeter De Graaff, de ordinair vuurwerker en op siender der wapenkamer van lijk, en de meesterknegt der huijstimmerlieden van Der weijden, onder dewelke het zelve verdeelt is geworden, na mate een ieder kans zag het gaande weg. te Effectueeren; dit werk is in de maand april Anno passato g'ab „solveert en ter onser sitting van den 30. dier maand zijn daar van ingekomen twaalff specificaties van ider de ingekomene specificatie bedraagen repra 217018 7/10. het werk is door Expresse ider punt en Gordijn een; namentlijk van de Seven Punten Gelderland, Holland, Zeeland, uijtregt, vreeslan Greuningen en 't Gabjoen, en de daar tusschen leggende vijff Gordijnen na welke specificaties in voorschreeven Resolutie geschreeven staan, en tesame bedraagen Ropias 21788 /10. ; den Eerst „geteekende heeft geduurende het zijnde werk, toesigt onder handen gehouden, dat alles behoorlijk ver „rigt is, dog om egter nog al meer verseekert te zijn, dat alles behoorlijket hegt en sterk gemaakt is, het rCommits: g'examineert laaten opneemen en Examineeren door den Secunde en hoofd admi„ „nistrateur Willem Jacob van de Graaff, de majoor en hoofd der militie Jan Hendrik Medeler„ de Capitains Christiaan Emanuel van Berskij en Adriaan neemen is n 1 Cornelis is vold „ en blijkens Rapport in gem: nabehooren vervaandigt is. het daar voor opgebragte het Resteerende, dat de aan„ neemens nog Competeerende, is voldaan. nen laaten afschrijven Cornelis Leever, den Capitain Lieu„ tenant Anthonij Beeker, en den Equipagiemeester Lourens Buijs, welkers Rapport meede in Resolutie te vinden dat alle voorschreeven Resolutie te vinden is, waar bij duijdelijk aangetoont werd, wat er alles gedaan is, en dat alles na behooren is vervaardigt; de Somma die daar voor bij de specificatie is opgebragt, vonden wij, in vergelijk van de grootheijd onser vestinge en de verbeeteringe die daar aan gedaan is mode en goerkoop bevonden geworden, zoo modicq en goedkoop, als hier geschieden kan, en hebben daar omme aan de uijtvoerders laat„ voldoen, de hun nog Competeerende somma van Ropiaƒ 10480 9/10. alsoo deselve daar op Reets ontvangen hadden een bedraagen van Ropias „de gehieele somma heeft 17300: welke beijde Sommas wij op Reekening van fortificatien bij het uijtdiepen en verlengen van de gragt Rondsom de stad. item het opwerpen van de bedekte weg, en het Reparee„ ren van steene bern zijn meede klaar geraakt. sijne diepte men heeft om met zeekerh:d te kunnen zeggen over de ongelden van dat werk eerst een gedeelte laaten onder handen nemen bij de boeken hebben laaten afschrijven. Het uytdiepen van De Gragt tot aan de Commandings pant Rond Som de Stad, en het verlengen van deselve van de punt holland voor bij de punt Gelderland en de Baaypoort tot onder de zoogenaamde Com„ mandeurs Punt; item het opwerpen van de bedekte weg en glassie, zoo meede het Repareeren van de steene bern, is ook Eijndelijk klaar geraakt de gragt heeft ou ten genoeg, zoo dat nu de gragt, die bevoorens hier en daar met kreupel bosjes even als met kleene Eijlandjes beset, en om zoo te spreeken ge „noegsaam over al droog was, nu zoo diep is, dat deselve bij de gemiddelde ebbe, 6. à 7. voeten diep water houd. Wij hebben om met zeekerlij kunnen oordeelen over te de had onder speciale toesigt, niet alleen dat het werk goede voortgang had. maar ook dat en niets van belang opgebragt wierd als er wetentlijk ver„ beught is. had Ropia 1128: bedraagen: de ongelden van zoo een werk, het gedeelte van de bestreekene hoek van de punt holland tot aan de bestree„ „kene hoek van de Punt Zeeland, om dat het daar ook wel het Eerst noodig was, doen onderhanden neemen, door den vuurwerker voogt en den Timmerman Job Vijverberg, beijde menschen die men het best oordeelde zulk werk onder handen te neemen, egter onder een soo speciaal toesigt, dat niet alleen het werk goede voort „gang had, maar ook dat 'er geen Coelijs of benoodigtheeden van belang meer hebben kunnen werden in Reek=t gebragt, als 'er in der daad bij ver „bruijkt zijn, het uijtdiepen van welk stuk volgens een ingekomene de ingekomene specificatie specificatie, onder aanbieding van Eede, by onse Resolutie van den 10. e October Jongstleeden g'insereert, gekost heeft
English
amounted to Ropias 11281. –. This work was measured separately in order to find a proportion with the remaining part of the whole. Thus the remainder was divided among several people, for a sum of Ropias 41000. –. We had this work measured separately and subsequently all the rest that still had to be done, in order to find the proportion of the one against the other with regard to the costs, whereupon it was found that the work completed by Voogt and Vyverberg amounted to a fifth part of the whole, as can be seen from the plan at a glance. Now, in order to advance that work with greater speed, it was divided among several people, namely: to the deceased land surveyor De Graaff, the Banyan Anta Chettij, the three Canarese Babo, Chrisna, and Pokeressa Gendra, and to two Malabars named Johan Fernando and Lourens de Sousa, for a sum of Ropias 41000:—, which is accurately determined in proportion against the aforementioned specification of Voogt and Vijverberg. And the contractors had to pay very close attention if they wished to retain anything for their trouble, so that this entire work has cost Ropias 52281. –. In the previous financial year, Ropias 20000: had already been advanced for one thing and another on account of the fortification works in progress, and in the now expired financial year Ropias 32281. –. Both of which sums, or together Ropias 52281:, we resolved at the session of 10 October last to have written off on the account of fortifications under the last day of August prior. The inner side of the outer moat of this city has been reinforced according to a plan drawn up for it. This work was completed recently, and the specification received for it amounts to Ropias 40350—. The inner side of the outer moat of this city, outside the Boompoort, has also been reinforced and fortified according to Your High Nobilities' esteemed authorization contained in the separate dispatch of 16 December. This work, pursuant to what was noted in the separate letter of 18 November of last year, was assigned to the Captain Lieutenant of the Artillery Johannes van Asbeek and the overseer of the armory Andries van Lyk, and the plan drawn up for it by the deceased engineer De Graaff was delivered into their hands. There has been advanced to them successively, for the procurement of materials and the payment of the laborers, a sum of 40000 Ropias. This work has now been completed recently, and a specification has been received for it amounting to Ropias 40350. –. The work was examined, and according to the report received, the work was executed solidly and strongly according to the plan. In order to be certain whether the aforementioned work was made solid and strong, and meets the purpose in all respects, we had it examined exactly and accurately by the second-in-command of the military, the major and head of the militia being currently on a commission to Cranganoor and Aijcotta, Captain van Berskij, Equipment Master Buijs, Lieutenants Wilke, Bonsimon, and Gebhart, together with Ensigns van Linthen and Hoffman, as well as the overseer of the shipyard, who submitted a report of their examination, which, together with the aforementioned specification, was inserted into our Resolution of 12 December last, from which it appears that the work was properly executed, solid and strong, and in all respects according to the plan and concept made for it. The sum brought up for it was found to be moderate. And thus the specification was approved, and it was resolved to validate the excess Ropias 350 that was brought up, and to have the entire sum written off on the account of fortifications. We resumed the specification at the aforementioned session and judged that the said sum of 40350 Ropias was necessary according to the size and sufficiency of that work. And since the first-signed also had such close supervision kept over that work, and very close attention was paid to it by the present Director of Souratta, Mr. van de Graaff, who was then still Chief Administrator here, we believed we could certainly rely on the correctness of this specification. Consequently, the same was approved and agreed to by us, to have the Ropias 350. – specified in excess of what was previously advanced successively for the said work paid out of the treasury to the said Van Asbeek and Van Lyk, and to have the general sum of Ropias 40350. – written off on the account of fortifications. In front of the Baaijpoort, due to the extension of the moat, a bank of earth had to remain lying. It had to be removed and a wooden bridge made in its place, with a drawbridge, in order to prevent sudden rushes. In front of the Baaijpoort, due to the extension of the moat past the Baaijpoort up to the so-called Commander's Point, a bank of earth had to remain lying there in order to enter and exit the gate across it. We therefore believed that this dam ought to be removed and that there should be made in that place a wooden bridge, 42 feet long and 16 feet wide, with masonry wings on both sides, placed on driven pile work with a frame over it, and a drawbridge at the end toward the Baaijpoort, in order to prevent sudden rushes straight up to the gate.
Dutch transcription
heeft Ropias 11281. –. dit werk wierd afsonderlijk gemeeten om een proportie te vinden met het beraige. gedeelte van 't geheel. dus wierd het overige onder verscheijde lieden verdeelt, voor een somma van rep:s adv0. — Dit werk hebben wij afsonder„ lijk doen meeten en vervolgens al het overige, dat 'er nog moest gedaan werden, om de proportie van het eene teegens het andere, nopens de kosten te vinden, wanneer bevonden wierd, dat het door voogt en vyver „berg afgemaakte werk een vijffde het Eerste bedrveg een vijfde gedeelte van het geheel bedroeg, zoo als dat uijt het plan met een opslag van het oog te zien is, om nu dat werk niet te meerder spoed, voort= tesetten, heeft men het zelve onder verscheijde lieden, verdeelt te weeten, aan den overleeden landweeter De Graaff den benjaan Anta Chettij„ de drie Canarijns Babo, Chrisna, en Pokeressa Gendra, en aan twee mallabaaren genaamt Johan per Lourens de Sousa, „nando en voor dus gekost welke van afschaij dus, heeft het geheele werk gnkost acpia 52286. welke somma men op Reeke. afschrijven. voor een somma van Ropeas 410:00:— het geen geproportioneerd, tegen de voor„ „schreeven Specificatie van voogt: en Vijverberg, naarw bepaalt is, en de aanneemers hebben al zeer wel moeten opletten, indien ze 'er iets voor hunne moeijte op hebben willen overhouden, zoo dat dit geheele werk gekost heeft Ropias 52281. -. Jn het voorige boekjaar, was voor het een en ander reets op Reekening van onderhanden zijnde fortificatie „werken verstrekt Ropias 20'000: en in het nw afgeloopen boekjaer Rd:s 32281. –. welke beijde Sommas, of tesamen van fortificatien heeft laten Ropias 52281:, wij ter Sitting van den 10. october passato, beslooten hebben Onder ultimo Augustus bevoorens op Reekening van fortificatien te laaten afschrijven zeijde van de De Binnen voor de binnen zijde van de voorgragt deeser stad is ver„ „sterkt volgens een daar van geformeert plan. dit werk is deeser daagen voltooijt en de daar van ingekomene specificatie bedraagt rep:s 40350— voorgragt deeser stad, buijten de Boompoort is volgens uw Hoog Edelheedens g'Eerde qualificatie vervat bij aparte missive van den 16. december ookk versteckt en gefortificeert. Dit werk is, ingevolge het genoteerde bij aparte briev van den 18. 9ber: des verleeden Jaars, aan den Capitain Lieutenant der Arthillerij Iohannes van Asbeek en opsiender der waper„ „kamer Andries van lijk opgedraa„ „gen en aan hen ter hande gesteld het daar van door den overleeden Jnge„ De Graaff, geformeerde plan„ nieur men heeft aan deselve successive, tot het besorgen der materialen en het betaalen der arbeijts lieden, verstrekt, een somma van 40'000: Ropias. Det werk is nu deeser daagen vol„ „tooijt geraakt en daar van inge„ „komen een Specificatie groot Rots. men heeft het werk laaten Examineeren. en volgens ingekomen Rapport of het werk hegt en sterk uijt„ gevoert volgens plan. Ropias 40350. –. Wij hebben om verseekert te weesen of voorschreeven werk hegt en sterk gemaakt is, en in alle deelen aan het oogmerk voldoed, het zelve Exact en naauwkeurig doen Examineeren, door den secunde van slaan /:zijnde de majoor en hoofd der militie thans in Commissie na Cranganoor en Aijcotta :/ den Capitain van Berskij, Equipagiemeester. Buijs, de Lieuten=ts Wilke, Bonsimon en Gebhart, be„ „nevens de vaandrigs van Linthe„ en Hoffman, zoo meede den opsiender der scheepstimmerwerff, dewelke van hunne Examinatie ingedient hebben van berigt, benevens voorm: specificatie in onse Resolutie van den 12. december Jongstleeden g'insereert, waar bij blijkt, dat het werk behoor„ „lijk hegt en sterk, en in allendeele volgens de daar voor opgebragte somma is modicg bevonden. en dus is de specificatie g'appro= beert en beslooten de meerder valideeren volgens het daar van zijnde plan en Consept, uijtgevoert is, wij hebben de specificatie ter voormelde sitten geresumeert en g'oordeelt, dat gem: somma van 40350: Ropias na de grootheijd en Suffiçanse van dat werk nodicg was, en dewijl ook de Eerstgeteekende op dat werk zoo een naauwkeurig toesigt heeft laaten houden, en door den teegenwoordige he Derecteur van Souratta van de Graaff, hier nog hoofd-admini„ „strateur zijnde, daar op zeer nauwg agt is geslaagen, zoo vermeenden wi op de legtheijd van deese specificatie opgebragte repias 350: te laaten wel te moogen staat maaken, en is dien volgende dezelve bij ons g'appro„ beert en goedgevonden, de daar bij meerder gespecificeerde Ropias 350. – dan bevoorens Successive op gemelde werk vooruijt verstrekt is, aan van met en 2 My gem een aa baay e1 en de geheele somma op Reck: van fortificatien te laaten ee voor de baaypoort heeft mits„ het verlingen van de gragt ten blijven leggen. de moest weg genomen en een houtte bang in de plaats gemaakt werden. met een ophaalbrug, na de aanloopen te beletten. gemelde van Asbeek en van lyk uijt Cassa te laaten voldoen, en de Gene„ „raale Somma van Repirof 40350. –. op Reekening van fortificatien te laaten afschrijven. Voor de Baaijpoort, mits het een baerde aarde daor moe„ verlengen van de gragt de baaijpoort verbij, tot aan de zoo genaamde Com„ mandeurs Punt, een boelde aarde dan hebbende moeten blijven leggen, om daar over de poort uijt en in te ko„ „men, zoo hebben wij vermeent„ dat deese dam diende weggenomen en aldaar gemaakt te werden, een houtte brug, lang 42. en breed 16. voeten met gemetselde vleugels aan weers= „leden, gelegt op ingeheijd poolwerk met een Raam daar over, en een baarpoort toe„ om het schilijk op haalbrug aan het eijnde na de braijpoort, ten eijnde te beletten dat niet ten Eersten tot voor de poort
English
Calculations were commissioned from various people, which amounted to too much. A certain carpenter has undertaken the work for 1400: rop:s provided that the woodwork were delivered to him. A fair quantity of woodwork was needed for it, so that one could walk to the gate. We obtained calculations of the cost of such a bridge from various people, but since these amounted to too much for us, other people were looked for, and among others this was discussed with a certain carpenter known to be capable, Manuel Nunes. He, having made a calculation on it, after bargaining back and forth, undertook to make that work for 1400. Ropias, provided that the woodwork was delivered to him for that purpose, because it was not feasible for him to procure it. And since a fairly substantial quantity of woodwork was required for it, the quantity thereof was ordered to be stated and an invoice made based on the Company's price list, and it was found that the same according to the price current would come to stand at Ropiaƒ 875: 7½, though in the aforesaid calculation estimated at circa 1600: Ropirs, whereby the entire bridge would come to cost no more than 2275¾. Ropias. This sum was judged reasonable and it was resolved to have the bridge made for that amount. We deliberated on this at our session of 17. Junij Annopatsjo and judged that the sum was reasonable, and resolved to have such a bridge built there. This has already taken place, and the report received regarding it, stating that everything has been built firm and strong and according to the drawing, is inserted in our Resolution of 19. November, whereupon we ordered the payment to be made. The plain around the town was very full of elevations and pits, and also overgrown with brushwood here and there. To remove these, fill the multitude of pits, and level the area, work had already been carried out gradually for some time. However, upon the invasion of the nabob's troops into the Chettliok, work was done upon it with a large workforce and the task completed, so that the plain is now sufficiently leveled and fairly even. The paying off of the coolies was entrusted to the Company's merchant, the Banyan Anta Chettij, and to ensure that this was handled in good faith, the necessary oversight was established. This merchant submitted a general account thereof, amounting together for moeguadons as well as coolie wages, along with earth baskets and other small items, to a sum of Ropras 2480. We approved at our said session of 19. November that this amount be paid to the said merchant, along with an additional 100: Ripias which the Governor promised to the servants of that merchant for their daily trouble and oversight in counting and paying the coolies and otherwise, and thus together sepias 2580: —. Now everything is finished that, in our view, needed to be done to the town. In order to show Your High Nobilities at a glance all that has been done to it, two drawings of the town are enclosed herewith: one as it was before the improvements, and one as it is at present. Thus, no further expenses will need to be made on fortifications, other than simply maintaining them so that everything remains in the state in which it currently is, for which the necessary precautions will be taken. Meanwhile, it had indeed been wished that all these necessities had been completed long ago, and that one could have shown even more, both through frugality in household management and through the reviving of trade, how much this office can increase in profits. However, seeing the necessity of the work and the danger in which the town would have been if anything had occurred here, it was deemed impossible for us to justify to ourselves or to answer for before Your High Nobilities if one had not worked on it with the utmost diligence. If the times had not become so critical, the aforesaid necessities would certainly not have required such extreme haste and could have been carried out gradually, which the Company, as they say, would not have felt as heavily as all at once now. Nevertheless, the Company would still have had to bear the expenses, which would have amounted to the same for Her Nobility, presenting no other difference than a slow or a speedy improvement of the town, the latter of which was preferred due to the circumstances of the times. Concerning the carpentry and repairs done to the Company's buildings, we report
Dutch transcription
men heeft door verscheijde lieden Calculatief laten opmaken die te veel belepen. zeeker timmerman heeft dat werk aangenomen voor 1400: rop:s mits hem de hout„ werken besorgt wierden. daar wierd al een tamelijke quantiteijt houtwerken toe verlicht poort konde werden geloopen; wij hebben van verscheijde lieden Caleu= laties van het kostende van zooda „nigen brug ingenomen, dog vermits ons deselve al te veel beliepen, heeft men nog na andere menschen om „gesien, en onder anderen ook daar over gesprocken met zeeker voor bequaam bekent timmerman Manuel Nunes, die een Calculatie daar op gemaakt hebbende, na over en weeder dingens dat werk aangenomen heeft te maaken voor 1400. Ropias, mits hem daar toe besorgt wierden de houtwerken, om dat het hem niet doenelijk was, die te besorgen, en de„ wijl daar toe al een tamelijke quan„ „teijt houtwerken benodigden, heeft men de quantiteijt daar van laaten opgeeven en daar op een Reekening laaten maaken volgens 'sComp=s prijs de wa en zouden die houtwerken na de paijs Courant komen te staan op Ropiaƒ 875: 7½. dus zoude de geheele brug kosten Rspier 275¼. deese somma werd, maatig g'oordeelt en beslooten de brug daar voor te laaten aanmaaken. het werk is voltoogt en hegt en sterk bevonden. en dus heeft men de afbetaalinge laaten doen. de vlakte rondsom de was zeer met hoogtent kuijlen en bosschagies beket. volgens gemaate Calalatie prijs Courant, en bevonden dat deselve zoude moeten kosten Rep: 875. ¾. hoe wel bij de voorschreeven Calculatie bereekend tot Circa 1600: Ropirs waer door dan de geheele brug niet meer dan 2275¾. Ropias zoude komen te kosten; wij hebben hier op ter onser sitting van den 17. Junij Annopats„o gedelibereert en g'oordeelt, dat die somma, matig was, en beslooten, zoodanigen brug daar te laaten aan„ „maaken; dit is ook reets geschied en het daar van ingekomen Rapport dat alles hegt en sterk en na de tee„ keninge is vervaardigt, staat en onse Resolutie van den 19. November daar aan g'insereert, waar op wij de afbetalinge hebben laaten doen. De vlakt Rondom de stad was zeer met hoogtens en kuijsen, en ook hier en daar net dus moest deselve geplai„ „neert werden, voornamentlijk den mits de invatie van 's nabaas troupes in het Chettliok. de vlakte is nu tamelijk egaal. wier opgedraagen. met bosschagie begroejt, om die weg te neemen en meenigte kuijlen te vullen en deselve te plaineeren, moesten poed gemaakt wa, had men al Eenige tijd langsamerhan daar aan laaten werken, dog bij de invasie van snababs troupen in het Cheltuase, is met magt van volk daar aan g'arbeijd en het zelve afgedaan, zoo dat de vlakte nu genoegsaam geplaineert en tamelijk egaal is. dat 100: het afbitaatien den Coelus aan Het afbetaalen der Coelijs had men opgedraagen aan 's Compagnies koopman dan Benjaan Anta Chettij en om verseekert te zijn, dat hier omtrend ter goeder trouwe gehandelt wierd de noodige toesigt gesteld; derse koopman heeft daar van ingelever een Generaale Reekening, bedraag de tesamen zoo aan moeguadons als Coelijloonen, mitsgaders aart mantjes inge men thans werden mantjes en andere kleenigheeden, eene ingedient bedraagt rp: 2480. dat bedraage beneevens 100: rsp.:s aan premie heeft men laaten voldoen. thans is alles klaar wat er aan de stad moest gedaan werden. „ Reckening door den koopman somma van Ropras 2480, welke wij ter gemelde onser sitting van den 19. November goedgevonden hebben, aan gem: koopman te laaten voldoen, beneevens nog 100: Ripias die de Gou„ verneur aan de bediendens van die koopman versprooken heeft, voor de daa„ „gelijkse moeijte en het opsigt met het tellen en afbetaalen van Coelies als ondersints, en dus te zaamen sepi„ as 2580: —. Dog nu is ook alles klaar, wat er na ons insien aan de stad moest gedaan werden, en om uw Hoog Edelheed:s in een opslag te vertoonen, wat er al aangedaan is, zoo gaan hier neevens we afteekengen komen over twee afteekeningen van de stad, als een zoo als deselve voor de verbeeteringe geweest is, en een zoo als deselve thans is, en dus zullen geene onkosten, aan men hoeft thans geen onkosten meer aan de fortificatief te doen. men had wel gewentcht dat die noodzaakelijkheeden voor lange gedaan waaren „lijk geweest, zijn als men niet met de uijtterste bezorgtheijd was werksaam geweest. aan fortificatiet, meer behoeven oedaan te werden, als alleen maar de hand daar aan te houden, op dat alles in dien slaat blijve, waar in het thans is, en waar toe men de noodige voor „sienige gebruijken zal. Jntusschen had men wel gewenscht dat, alle die noodzaakelijkheeden voor lange waaren verrigt, en dat men zoo door zuijnigheijd in de huijshouding als door het opluijken van den handel nog meer had kunnen toonen, hoe zeer dit Comptoir kan toeneemen in voorde „len, dog ziende de noodzaakelijkh=t van het werk, en het gevaar waar in de stad was, indien hier iets was voorgevallen, oordeelde men het nooijt digjhet zoude onverantiverde voor ons gewasse, nog voor uw Hoog Edelheedens te kunnen verantwoorden indien men daar omtrend met de uijt„ „terste besorgtheijd niet werkzaam was was geweest: waaren de tijden zoo Creticq niet geworden, dan zoude de voorschreeven noodzaakelijkheeden zeekerlijk die uijtterste spoed wel zoo zeer niet verEijscht, en gaande weg hebben kunnen verrigt werden, het geen de Compagnie dan, gelijk men zegt, ook zoo zeer niet zoude gevoeld hebben als nu zoo eens klaps; dog de Compag„ nie zoude evenwel de ongelden hebben moeten draagen, het geen dan voor haar Edele het zelve zoude geweest zijn, en geen ander onderscheijd gegeven hebben, als een langsaame of een spoe„ „dige verbetering van de stad, welk laatste; de omstandigheeden des tijds deeden voorgaan. Aangaande De Timmeragie en Reparatie aan 'tCompagnies gebouwen gedaan, melden
English
The armory and the equipment yard were in a poor condition. But could not be taken in hand sooner. How the goods were preserved from the rain in the meantime, we report the following: The armory and the equipment warehouse, two buildings that virtually stand under one roof, have long been in a very poor condition, but could not be taken in hand because successive others had to take precedence, and not everything could be done at the same time. The leaks during the rainy season were dealt with in the meantime, both by placing pots and basins to catch the water in them, and by covering the goods partially with tarpaulins as much as possible, moving the remainder here and there, and lastly even having them transferred into the dwellings of both administrators, causing not a little disorder and inconvenience to them, since the severe rain leaking through could no longer be kept at bay, so that the remedy of these defects, being unable to brook any further delay whatsoever, had to proceed. The defects were inspected by special commissioners. How they were found: We had the same inspected by special commissioners, and from the submitted report, inserted in the Resolution of 6 March, it appeared that some beams here and there, as well as the rafters in several places, especially near the masonry, were decayed, all the laths rotted, the nails rusted away, the roof tiles shifted and in part fallen down from above. Upon this, the equipage master and the overseer of the armory were encouraged to undertake the necessary repairs to these buildings, as they properly belong to their administration and could be supervised better by them than by others. The remedy was contracted out for Ropias 2500, with the supply of 1350 lb of nails. The work was finished, examined by commissioners, found to be good, and the payment was made thereupon: They made an estimate accordingly, and offered to repair all those defects, as well as those that might still be discovered upon removing the roof, for a sum of 2500 Repias, provided they were also supplied on behalf of the Company with 1350 lb of nails; and since no one could be found who would undertake it for less, the aforementioned 2500 Up and 1350 lb of nails were granted to them. Whereupon they immediately set to work, continued it with great speed, and duly completed it, as appears from a report received thereof, inserted in the Resolution of 17 June; and when we resolved to have the agreed sum of Ropias 2500 disbursed and to have that, along with the 1350 lb of nails already delivered to them, written off. The roofs of the guardhouses on the bastions Gelderland and Uijtregt were found to be very leaky on the west side. What defects were found upon inspection thereof: The roofs of the guardhouses on the bastions Gelderland and Utrecht, being very leaky at the slightest rainy weather, especially on the west side, which in the bad monsoon is exposed to the most rain and wind, were inspected by the shipwrights and house carpenters Paulus Kip, Job Vijverberg, and Pieter Veldbrugge. They found that the laths of the roofs, especially on the west side, were for the most part rotted or decayed and a portion of the tiles were broken; that the walls in several places also needed to be replastered, as the lime had fallen off due to moisture; The galleys on those bastions are also in poor condition. Both matters were remedied for 180 rops and the supply of 300 lb of nails: that the hearths of the galleys needed to be repaired and the floors of the said guardhouses turned over and tamped down anew. And since this was also a necessary repair, we resolved in our session of 30 April to have the remedy of these defects carried out, and contracted it out to the overseer of the armory Andiis van Eijk, as the person willing to undertake it for the lowest price, for 180 Ropias, provided that 300 lb of nails were supplied to him. Both of which were supplied to him, and the Ropias paid out after the work was performed and a report was received thereof in the session of 17 July from commissioners who had performed the inspection and found everything properly repaired. Lodgings or mandapas were made for the auxiliary troops arrived from Ceylon. They cost 458 Reops: Upon the arrival of the latest troops obtained from Ceylon, both soldiers and artillerymen, it was necessary in all haste to have lodgings and mandapas of bamboo and olas erected both inside and outside the city to provide dry shelter for the men. Because of the urgency, this could not be entrusted to one person alone, but had to be assigned to several, which is why keeping as close a supervision over the matter as is customary could not take place. The account received thereof in our session of 19 November amounted to Ropias 458. We could indeed not be certain that this was not done somewhat extravagantly, but we nevertheless judged that it could not be much
Dutch transcription
ade wapenkamer en Equipagie„ werff waaren in een slifte gesteldheijd. dog hebben niet eer kunnen onderhanden genomen werden hoe de goederen intusschen voor den regen bewaart zijn melden wy het volgende De wapenkamer en het Equipagie Pakhuijs, twee gebouwen die genoegsaam onder een dak staan„ zijn al lange in een zeer slegte gesteld„ „heijd geweest, dog hebben niet onder„ „handen genomen kunnen werden om dat er successive andere hebben moeten voorgaan, en niet alles gelijk geschieden kon, de leckagies in den regentijd, is men intusschen te gemoed gekomen, zoo door het plaatzen van potten en bekkens, om het water daar in te vangen, als door de goederen gedeeltelijk met presennings, zoo veel mogelijk te bedekken, en de overige hier en daar te verplaatzen, en Laatstelijk ook zelfs in de wooningen van die beijde administrateurs te doen overbrengen, tot niet weijnig de ran„ „gement en ongerief van hun, dewijl het ge ¶Com hoedang de gebreeken zijn door Expresse committeerdens op genomen. hoedanig bevonden. het sterk door Regenen niet langer meer te gemoet konde werden gekomen, zoo dat de verhelpinge van die gebreken nu absoluit geen langer uijtstel kunnen, „de veelen, heeft moeten voortgang hebben; wij hebben deselve door Expaes„ „se gecommitteerdens laaten opneemen, en bij het ingekomen Rapport, ter Resolutie van den 6. maart g'inse„ „reert, bleek, dat Eenige baeken hier en daar, zoo meede de spanwerken op verscheijde plaatsen, inzonderheijd bij het muurwerk vergaan, al de latten verrot„ de spijkers afgeroest, de pannen of dak„ „tiggels verschooven en voor een gedeelte van booven needer gevallen waren, men heeft hier op den Equipagiemeester en opsiender der wapenkamer aangemoe„ „digt, om de noodige Reparatie aan deeze gebouwen te doen, als tog tot hun ad„ ministratie behoorende; en door hun beeter de verhelping aanbesteed voor Ropiaƒ 2500: onder versterking van 1350: lb. spijkers. het werk is g'absolveert en door gecommitteerdens g'examineert en wel bevonden. en daar op de afbetaling gedaen. beeter, als andere kunnende gade geslaagen werden; deselve hebben hier op een Calculatie gemaakt, en aangebooden alle die gebreeken, en e nog bij het afnee„ „men van het dak mogten werden ontdekt, te verhelpen voor een somma van 2500: Repras, mits hun daar bij van weegens dE: Compagnie nog toe„ „gevoegt werden 1350: lb spijkers, en ver„ mits er niemand te vinden was, die het voor minder wilde aanneemen, zoo heeft men de voorschreeven 2500. Up: en 1350. lb: spijkers, aan haar toegestaen waar op deselve ten Eersten aan het werk zijn gegaan, en het met veel spoed hebben voortgeset en behoorlijk g'ab„ „solveert, zoo als Consteert bij een daer van ingekomen berigt, ter Resolutie van den 17. Junij g'insereert; en won„ neer wij beslooten hebben, de bedong somma van Ropias 2500: te laaten ver de daken van de wagten op de punten gelderland en uijtregt, aan de westkant per lek bevonden hoedanige gebreeken bij opnee„ „minge daar aan zijn bevonden verstrekken, en die met de aan hen reets afgegeve 1350: lb. Spijkers te laaten afschrijven De Daken van de wagten op de Punten Gelderland en utregt, bij het minste Regenweer zeer lek zijnde, voornamentlijk aan de west„ zijde, die in de kwaade mousson aan de meeste Regen en wind g'ex„ „ponneerd is, zoo zijn die gebreeken opgenomen, door de scheeps en huijs, Paulus Kip, Job timmerlieden Vijverberg en Pieter Veldbrugge dewelke bevonden hebben, dat de latten der dakken, voornamentlijk aan de westkant, voor het grootste gedeelte verrot of vergaan en een gedeelte der pannen verbrooken waaren dat ook de muuren op verscheijde plaatzen diende uijtgepleijstert te werden, alsoo de kalk door de vog„ tig de Combuijsen op die punten zyn ook slegt gesteld: het een en ander is verholpen voor rops 180. en verttrekking van 300: lb. spijker „tigheijd daar afgevallen was, dat de vernuijsen der Combuijsen dienden gerepareert en de vloeren van gemeld wagten op nieuw omgekopt en aan „gestampt te worden, en alzoo dit ook al eene noodzaakelijke Reparatie was, hebben wij ter onser sitting van den 30. april beslooten de ver„ „helpinge dier gebreeken te laaten geschieden, en aanbesteed aan den opsiender der wapenkamer Andiis van Eijk, als de geene die het voor het minste wilde aanneemen voor 180: Ropias, mits hem verstrekt wierden 300: lb: spijkers; welk een en ander aan hem is verstrekt en afgelaugt de Ropias, na dat het wer verrigt en daar van ter sitting van den 17: Julij ingekomen was een be„ „rigt van gecommitteerdens die de besigtiging gedaan en alles na be„ hooren voor de van Ceijlon aangekoomen hulp troupen zyn logementen of mandoes gemaakt. hebben gekost 458 Reop s hooren gerepareert hadden bevonden. Bij aankomst van de Jongste van Ceijlon erlangde troupes zoo militairen als arthilleristen, is men genoodsaakt geweest, om in allerhaast logementen en mandoes van bamboeten en olassen, zoo binnen als buijten de stad te laaten opslaan om het volk droge bergplaatsen te besorgen, dit kon om de pressantie, niet aan een persoon alleen, maar moest aan verscheijde werden opgedraagen, waarom daar omtrend, zoo nauwe toesigt als men anders gewoon is, te laaten houden niet heeft kunnen plaats vinden, de daar van ingekomen notitie, ter onser sitting van den 19: 9ber: bedroeg Ropias 458. , wij konden wel. niet verseekert zijn, dat hier inne niet wat Ruijm te werk gegaan is, dog oordeelden egter dat het niet veel kon
English
how much was gifted in a round timber spar, and how much less it could be than the previous year, considering the necessities for it also rose more or less in price at this time; wherefore we then had the mentioned sum paid to the Banyan merchant Antachettij, who had made the advance. Gifts from primo January to ultimo December last have been made up to ƒ 690. 7. — purchase value and ƒ 818: 7. sales value, and thus ƒ 2571: 6: purchase value and ƒ 2025: 12. — sales value less than the previous year, as appears from the following memorandum: Purchase value | Sales value In the month of February from Batavia sent diverse gifts for the king of Travancore to the amount of ƒ 1158. 3. 8. | ƒ 1158. 3. 8. Ditto to the king of Cochin — „ 695. 4. — | „ 695. 4. — In the month of February to the envoys of the king of Travancore, who arrived here at the closing of the pepper account — „ 199. 10. – | „ 316. 14. — In the month of August gifted to the king of Cochin at the mourning feast of the deceased king of Cochin, and his accession to the throne — „ 43. 8. — | „ 54. 7. 8. Total ƒ 2096. 9. — | ƒ 2224. 9. — Remainder from Batavia to the benefit of this — | ƒ 690. 7. — | ƒ 818. 7. — Thus less calculated — ƒ 2571. 6. — | ƒ 2825. 12. — Last year gifted — „ 1406. 2. — | „ 1406. 2. — Total gifted last year — „ 3261. 13. — | „ 3646. 19. — 1776. Arrival of the ships Hoolwerff and Honkoop. They have cruised around Vypin. Hoolwerff still does so, but Honkoop is, for reasons in the text, dispatched back via Porca to Galle. Regarding the ships and vessels, we note that the ships Hoolwerff and Honkoop arrived here from Ceylon on 4 November with the requested auxiliary troops. These had at once to be employed to cruise around the island of Vypin to prevent the Nabob's forces from making a landing there with their vessels, as the ship Hoolwerff is still doing. But Honkoop, according to the letters from the Ceylon ministers, intended as a second return ship, we have, after taking in here a quantity of pepper and diverse other goods in satisfaction of the said ministers' demands, dispatched to Porca to fill the remainder of its hold with pepper and the cowhides present there, and from there to sail directly to Galle, as that vessel also departed from there to Galle on 27 December last, carrying thither besides other goods 1068600 lb of pepper. Arrival of Ouwerkerke from Batavia, destined for Surat. Has arrived at Cochin to be repaired of its defects. The ship Ouwerkerke from Batavia, destined for Surat, appeared here in the roadstead on 7 December last, and had some defects of which it necessarily had to be relieved before it could continue the voyage. The skipper Iohan Splinter Stavorinus made this known by petition, and thereupon commissioners were sent on board to inspect those defects. And from the report brought in, inserted into the resolution of 8 December, it appeared that both trestletrees of the mainmast on that vessel were broken and cracked clean across, as well as that six ports between decks necessarily had to be repaired, new linings placed in them, and provided with new ring bolts, and also the stem seams needed to be caulked. And as the commissioners judged that the ship could not otherwise pursue its voyage, we decided upon the repair, so that that vessel had to remain here for some days. The repair has been done, but the ship was detained for several more days. With which repair, which on account of the present circumstances of the times and lack of laborers could not proceed as quickly as otherwise, so much speed was nevertheless made that the said ship was relieved of its defects on the 26th. Yet which vessel we still had to let lie for some days, for such reasons as are further shown in our resolution of 27 December and our secret letter of today. The skipper of Hoolwerff, Pluyn van der Kuyl, comes from Ayacotta to the roadstead to unload his rice, and Ouwerkerke goes to lie for a few days off Vypin where Hoolwerff has lain. And since the skipper of the ship Hoolwerff, Pluyn van der Kuyl, had made known by a letter that due to the long lying of the rice in his ship, more dust and weevils entered into it from day to day and that it began to ferment uncommonly in his hold, it was at the same time approved by us to let the ship Ouwerkerke go lie for some days where the ship Hoolwerff lay, namely just in sight of the roadstead, between Ayacotta and the corner of Vypin, and to have that ship come to the roadstead and anchor at the northernmost place of this roadstead where Ouwerkerke had lain, in order to unload the rice from it and have it brought ashore, and if necessary to be able to assist the ship Ouwerkerke. The smalschip De Verwagting lies in the Cranganore River to prevent the crossing of the Nabob's forces. It cannot be spared there; wherefore the papers are sent overland. The smalschip De Verwagting has during this navigable season lain in the river of Cranganore, around and near Ayacotta, to prevent the crossing of the Nabob's troops from the corner of the Cranganore territory inside the reef to Ayacotta. It is strictly necessary there and cannot be spared to carry these papers to Ceylon, wherefore we send the same thither via the Tuticorin overland route. The aforesaid smalschip De Verwagting, and the lesser vessels belonging here, are, after year
Dutch transcription
hoe veel in een Rondspar„ is geschonken, en hoe veel minder als 't jaars bevooren kon zijn, aangemerkt de benoodigtheeden daar toe ook in deesen tijd min of meer in prijs gestreegen zijn; waaromme wij dan de gemelde Somma hebben laaten voldoen, aan den benjaans koopman Antachettij, die het ver„ schot gedaan had. Geschenken zijn zeedert prind Jannuarij tot ultimo December passato gedaan tot ƒ 690. 7. —. en ƒ 818: 7. uijtkoops, en dus ƒ2571:6: in, en ƒ2025:12. —. uijtkoops, minder als het Jaar bevoo„ „vens, blijkens de ondervolgende memorie Jnkoops uijtkoops Jn de maand februarij van batavia gesondene Diverse schenka„ „gie voor den koning van Juevancoor ten bedrage van. ƒ 1158. 3. 8. ƒ1158. 3. 8 - „ 695. 4 – „ 695. 4. - Adidem aan den koning van Cochim ^ van den Koning Jn de maand februarij aan de zendelingen van Grevan„ Coor, die bij het sluijten van de peper Reekening alhier zijn aangekomen - - - - - - - - „ 199. 10. –. „ 316. 14. —. Jn de maand Augustus aan den koning van Cochim ver„ „schonken op 't Rouw feest van den overleeden koning van Cochim, en zijn: optreeding op de troon - - „ 43 „ 8 „ 54. 7. 8. geld. . ƒ2096. 9. -. ƒ 2224. 9 Over van Batavia ten voordeele deeses aan„ „ Rost. ƒ 690. 7. — ƒ 818. 7. Dus minder - - - ƒ2571. 6. — ƒ 2825. 12. — gereekende - - - - - - - - - - - - „1406. 2. 1406. 2. — Vergangen Jaar verschonken - - - - „ 3261. 13 — „ 3646 19 Aangaande 1776. ho de arrivement van de scheepen Hoolwerff in honkoop deselve heb ben barpin bekruijst hoolweaf doet het nog, dog houkoop is om reedenen in den text over porca, na gele te rug gedepechreert Scheepen - vaartuijgen noteeren wij, dat de scheepen Hoolwerff en Honkoop, den 4 November van Ceijlon hier aangekomen zyn, met de vertogte hulp troupen; deselve hebben ten Eersten moeten werden g'emploijeert om het Eijland baipin te bekruijssen om de Nababse te Beletten, daar eene landing te doen, met hunne vaartuijgen gelyk het schip Hoolwerff nog is doende, dog honkoop, volgens aanschrijvens der Ceijlonse ministers, gepropecteerd tot een tweede besending schip, hebben wij, na alhier ingenomen te hebben een parthij Peper en diverse andere goederen in voldoening van der gem. ministers Eijsschen na Porca gedepecheert, Aangaande Met Artikul van om van batavia, na Souratta gedestineert. is te Cochim aangekomen om van zijn gebreeken ver„ sien te werden. om het overige van zijn Ruijm met peper en de daar geweest zijnde koehi den te vullen en van daar direct na Ge te steevenen, gelijk ook dien kiel den 27 december Jongst leeden, van daar na Gal is vertrokken buijten anderen goederen derwaarts voerende 1068600: 1b: Peeper Het Schip Ouwerkerke van Batavia voor arrivement van oijwerkerke souratta gedestineert, is den 7. december passato hier ter Rheede verscheenen, en had eenige gebreeken, waar van het nazaakelijk moest werden geholpe eer het de reijse konde voortzetten, Den schipper Iohan Splinter stavorinus, Gaf dit bij Request te kennen, en daar op zijn gecom mitteerdens na boord gesonden om die gebreeken opteneemen, en bij holpen en van water voor, het ingekomen Rapport, ter Resolutie van den 8. december g'insereert, bleek dog dag de dat de verhelping is geschied, dog het schip nog eenige dagen aangehouden groote mast op dien bodem gebrooken en dwars afgekraakt waaren, zoo meede dat ses poorten tusschen deks noodzaakelijk gerepareert; nieuw voerings in deselve gelegt, en met nieuwe Ring bouten versien, mits„ gaders ook de steeven naaden dienden gecalfaat te werden, en dewijl de ge„ Committeerdens oordeelden, dat het schip anders zijne Reijse niet konde vervolgen, hebben wij tot de Reparatie beslooten, zo dat dien bodem Eenige dagen hier moest vertoeven, met welke Reparatie, die om de wille van de presente tijds„ omstandigheeden en gebrek aan arbeijls lieden, zoo schielijk niet heeft kunnen geschieden als anders, egter zoo veel spoed gemaakt is, dat gemelde schip den 26:e van zijne gebreeken verholpen was, dog welken bodem dat de beijde langzalings van de mij den schepper van Woolwarff Pluijn van der Kuijl komt van aijkotta na de Rheede om zijn list te lossen. en ouwerkerke gaat voor Eenige dagen leggen onder Daipin daan hoolwerf gelegen heeft. wij nog voor eenige dagen hebben moeten laaten leggen, om zoodanige reeden als bij onse Resolutie van den 27. december en onse Secreete brief van heeden naader aangetoond werd. En Dewijl den schipper van het Pluijn van der schip Hoolwerff, kuijl bij een briev te kennen had gegeven, dat door het lang leggen van de Rijst in zijn schip, daar in van dag tot dag meerder stof en Calander kwaamen en dat het buijten gemeen in zijn Ruijm begon te broeijen, wierd bij ons teffens goedgevonden het schip Ouwerkerke voor eenige dagen te laaten gaan leggen, daar het schip Hoolwerff leijde, na„ „mentlijk effen in het gesigt van de Rheede, tusschen Aijkotta en de hoek van Baijpen, en dat schop na de Rheede te doen komen en op de noordelijkste plaats deeser rheede daar ouwer„ kerke het smalschip de verwagting legt in de Cranganoorse Revier„ om het overkomen der nababse te beletten. het zelve kan daar niet werden gemist; waarom de papieren over den landwag werden versonden „karke had geleegen te laaten ankeren, ten eijnde de Rijst daar uijt te lossen en aan de wal te doen brengen, en als het noodig was het schip Ouwerkerke te kunnen assisteeren. Met Smalschip De verwagting heeft geduurende deesen vaarbaaren tyd geleegen in de Revier van Cranganoor, om en omtrend bij Aijkotta om het overkomen van 's nababs troupen van de hoek van het Cranganoorse binnen 't Riff na Aijkotta te verhinderen, het zelve is daar hiet noodzaakelijk en kan niet werden gemist, om deese papieren na Ceijlon overtebrengen, waarom wij deselve over den Jutucorijnse landweg derwaarts zenden. Het voorschreeven smalschip De verwagting, en de mindere hier thuijs hoorende vaartuijgen, zijn, na Jaar
English
The smalschip and other vessels were inspected according to annual custom and their defects recorded, but only ordinary defects were found; these have been ordered to be repaired. Subsequently it was also discovered that the mast for the smalschip had been attacked by white ants. Annual custom, inspected by express commissioners in the presence of the Equipagemeester Buijs and the defects to be found therein recorded; from the report received thereof, inserted into the Resolution of 17 June, it appeared that only small and ordinary defects were found on the vessels, chiefly to be attributed to the fact that much repair was done to the vessels the previous year and the same were put in good condition. We decided on the same day to have those defects, though small, repaired as soon as possible, and the overseer of the shipyard Paulus Kip immediately set to work. However, when the smalschip was ready and they were rigging it, the first-undersigned received a verbal report from the Equipagemeester Buijs that it had been discovered that the mast of the smalschip had been attacked by white ants. This being further examined by nautical experts, it was found, according to the report received at the Session of 10 October, that the mast was for the greatest part rotted with age, decayed, worm-eaten, and here and there damaged by white ants, and had already been replaced twice before, and that a new mast ought to be made for it, wherefore a new mast was made for it. To which we then had to resolve. All of which repairs, with the ordinary supply of equipage goods and other necessities supplied to the vessels, amounted to ƒ4899: 7: 8, the specification of which is transmitted among the appendices. Correspondence with the western offices has been maintained. The Surat ministers have made known that they are ordered to send patterns and samples of linens to Cochin. The correspondence with the western offices has been maintained as required. The Surat ministers informed us by letter of 27 March past that they have been ordered by Your High Nobilities to send us the list and samples of such goods as are requisitioned from the Netherlands and sent thither from there, and that they would provide these to us at a suitable opportunity, so that we are still expecting the same. Regarding private Dutch ships, only one called at Cochin. Regarding free navigation and trade, we have only to note that on the first of April of the past year there arrived here a private ship with a Dutch pass and flag, belonging to the Bengal society of Lucas Cramer and associates, named De Eendragt, which vessel departed from here again for Bengal on the 20th following. A list of the foreign ships and vessels is transmitted, showing how many of the French nation have been here. A list of the foreign ships and vessels that have been here is transmitted among the appendices, from which it appears that since 11 March of the past year until the present date there have appeared here in the roads, of the French nation, six ships, two snows, and three chaloupes, to which, with Your High Nobilities' kind permission, to avoid prolixity, we shall refer; there being also noted therein the places from which they came and where they were destined. With the breaking of the recent bad monsoon, the weather was very stormy from 25 to 31 May. From 25 to 31 May the weather was very stormy. On the morning of the 28th, an unknown sail came into sight here from the west, and at eleven o'clock a violent storm arose accompanied by heavy rain, by which it became so dark at sea that one could no longer see the ship. But when the sky cleared up somewhat, one discerned that the said sail, being a ship, lay at anchor dismasted south of the ordinary roads, constantly firing distress shots, although it was impossible to come to its aid. On the 29th following, the sky having cleared a little, a Portuguese flag was seen flying from the same, it still continuing to fire distress shots. Toward evening it began to appear that the weather was willing to calm down somewhat. A ship came to anchor dismasted south of the roads on 28 May; it was subsequently recognized as a Portuguese ship. We sent a vessel to Paliaporto to see if it could get to sea through the Cranganore River to board her, in order to learn what ship it was and how matters stood on board. This vessel was seen to come alongside the following day, at which time those of the ship also undertook to come to shore with their longboat, and they also landed safely on the beach near the Company's garden, at the place where they had been indicated by signs and signals that they should land, as that was still the best place and it was impossible to enter the river over the sandbank. Among others in the longboat was a Captain-Lieutenant, or second captain of the ship, who made known that the vessel was a Portuguese royal frigate named Nossa Senhora da Conceição. The crew came ashore with the longboat and landed on the beach; it was impossible to enter the river. It is a royal frigate named Nossa Senhora da Conceição.
Dutch transcription
het smalschip en andere vaartuijgen na Jaarlijks gewoonte besigtigt en de gebreeken opgenomen daar aan zijn, maar ordi„ „naere gebreeken bevonden men heeft deselve laaten Reparieren naderhand is nog ontwaard dat de mast voor het smal schip door de witte uueren was aangestooken. Jaarlijkse gewoonte, door Expresse gecom mitteerdens ten overstaan van den Equi„ „pagiemeester Buijs, besigtigt en de gebr ken daar aan te vinden opgenoomen, bij het daar van ingekomen Rapport ter Resolutie van den 17:e Junij g'inse„ „reert, bleek, dat 'er maar kleene en or„ dinaire gebreeken aan de vaartuijgen bevonden waaren, voornamentlijk hier aan toe te schrijven, dat aan de vaartuig „gen het voorige Jaar veel Reparatie is gedaan en deselve in een goede staat gesteld zijn; wij hebben hier op ten zelve dage beslooten, die gebreeken, schoon kleen maar hoe eer, hoe liever te laaten Repareeren, zoo als ook den opsiender der scheepstimmerwerff Paulus Kip ten Eersten hand aan het werk geslaa„ heeft, dog toen het smal schip klaar, en men aan het toetakelen was, kreeg den Eerstgeteekende mondeling Rappi daar stoekken van bedaa waarom een nieuwe mast daar in is gemaakt. slaah ve veel de Reparatie en ver„ bedraagh: van den Equipagiemeester Buijs, dat ont „waard was, dat de mast van het smal schip door de witte mieren was aangeslooken, het welk nader door zeekundigen onder„ „sogt zijnde, is blijkens het ingekomen Rap„ „port ter Sitting van den 10=e october daar aan bevonden dat de mast voor het grootste gedeelte, door ouderdom verrot, vermolmt, aangestooken en hier en daar door de witte mieren beschaadigt en ook al Reets twee keeren verwangt was, en daar in eene nieuwe mast diende te worden gemaakt, waar toe wij dan hebben moeten besluijten; alle welke Reparaties met de or„ „dinaire verstrekking van Equipagie goe„ deren en andere benoodigtheeden gekost rekkinge aan de vaartuijgen hebben ƒ4899: 7: 8. waar van de speci„ „ficatie onder de bijlaager overkomt Correspondentie met de l de Correspondentie met de westerse Comptoiren is onderhouden „ de Couratte ministers hebben bekent gemaakt dat ze g'ordonneert zijn„ staalen monsters lijwaten na Cocheur te zenden. E particuliere hollandse scheepen is maar een de wettersche Comptoiren is na verEijsch onderhouden, de Souratse ministers hebben ons bij missive van den 27: maart depasso bedeelt, dat ze door uw Hoog Edelheed:s gelast zyn, ons toetesinden de staat en monsters van zoodanige goederen als uijt Nederland g'Eyscht en van daar na der„ „waarts overgesonden worden, en dat ze dessen bij een bequaame gelegentheijd aan ons zouden besorgen, zoo dat wij deselve nog te gemoet zien. Aangaande de vrije vaart en Handel, hebben op Cochum aangewist. wij Eenelijk te noteeren, als dat alhier den Eersten april annopassato aangekomen is, een particulier schip met nederlands pasie en vlagge, behoorende aan de ben gaalse soeiteijt van Lucas Cramer C: S. genaamt De Eendragt, welke bodem den 20. e daar aan, weeder heel van op nat van de vreemde scheepen vaartuijgen komt een lijst over hoe veel van de franse natie hier aangeweest zijn van den 25 tot den 31. maij heel stormagtig weer geweest Van De vreemde Scheepen en vaartuijgen, hier aangeweest komt een lijst onder de bijlagen over, waar bij blijkt, dat zeedert den 11e maart Anno passato tot dato deeses hier ter Rheede verscheenen zijn, van fransche Natie, ses scheepen, twee snaauwen, en drie Chialoupen waar aan wij ons met uw Hoog Edelheedens gunstige permissie, om langwijligheijd te vermijden; zullen gedraagen; zijnde daar bij ook aange„ teekend de plaatzen van waar gekomen en waar na toe gedastineert zijn Met de doorbraake van de Jongste quaade mousson, was het van den 25. tot den 31=e maij heel van hier vertrokken is na bengale Storm de - een schip is op den 28: maij masteloos bezuijden de Rheede ten anker gekomen een portugeesch slip stormagtien weer; den 28. voor de middag kwam uijt het westen hier in het gesigt, een onbekent zeijl, en om Elff uuren ontstond een geweldige storm verselt van swaare reegen, waar door het zoo donker in zee wierd, dat men het schip niet meer konde zien, maar toen de lugt wal opgeklaart was, ontwaarde men, dat het gemelde zeijl, zijnde een schip bezuijden de gewoone Rheede matteloos ten anker lag, doende geduurig nood„ schooten, hoe wel het onmogelyk wat het zelve te hulp te komen; den 29: daar aan, de lugt een weijnig opgehel is vervolgens verkent voor dert zijnde, zog men een portugeese vlag van het zelve waaijen, Continuee„ „vende nog al noodschooten te doen, tegens den avond begon het te schyne dat het weer wat wilde bedaaren, wij zouden een vaartuijg na 1 Paliopoots naam van mee de scheepelingen komen met de baakas aan de wal en landen aan strand. de Revier was het onmogelijk in te komen. is een konings Grequat ge„ naamt Nassa S„t de Couseson mekt. Paliaporto om te zien door de Cranga„ noorse Revier in zee aan boord te komen, ten eijnde te verneemen, wat schip en hoedanig het aan boord gesteld was; dit vaartuijg zog men 'sanderen daags aan boord komen, wanneer ook die van het schip ondernamen met hunne barkas na de wal te komen, gelijk deselve ook gelukkig aen het staand bij 'sCompagnies thuijn aanlanden, ter plaatse alwaar men haar door teekens en zijnen te kennen had gegeven, dat ze zouden landen, als zynde, daar nog de beste plaats en onmogelijk in de Revier over de bank te komen, onder anderen was in de barkas een Capitain Licutens of tweede Capitain van 't schip den wel„ ken te kennen gaf dat dien bodem wat een portugies konings fregaat den ga ao lispbongditten genaamt Nossa S=ra de Conseson„ van
English
their three masts were lost at the same time and likewise their rudder; the crew requests help and assistance, which has been granted to them; bound from Goa to Lisbon; that he had set sail from Goa with this ship in company of two other ships and a pala on 18 May anno passato, of which one was also bound for Lisbon, the other for Macao, and the pala for Mauritius; that a storm had overtaken them off Mangalore, whereby they became separated from one another; that coming off Cochin with their ship on 28 May, they lost all three of their masts at the same time and their rudder in the severe storm, and were consequently forced, as they had approached very close to the shore, to drop anchor, requesting the same, in the name of His Royal Majesty of Portugal, for The frigate was brought into the southern Mud Bay with jury masts and the help of vessels; masts and rudder manufactured and brought thither. for help and assistance; we have promised them all possible help and also rendered it as much as the tempestuous weather and the raging sea would permit; the weather abating but slightly, we sent the boatswain Jan Smit on board to bring the ship, if possible, with jury masts to the southern Mud Bay; having arrived on board, some spars were set up in place of the lost masts, and a kind of rudder was made as an expedient to steer the ship; and it set sail on 3 June and, with the help of a good number of rowing vessels, brought the ship into the said Mud Bay, where it lay over the bad monsoon; meanwhile the Departed for Europe; in that same storm a Macao ship was also wrecked south of Manicorda, but the people were saved; the shipwrecked persons came to Cochin and Travancore seized the ship and cargo. the crew here manufactured new masts and a rudder and brought them thither, whereby it was put in condition to be able to undertake the voyage to Europe; appeared here in the roadstead on 27 November last, and on 17 December following the frigate continued its voyage to Europe. In the aforementioned storm, a Portuguese Macao ship named Santo Anthonij Velho also ran aground and was wrecked south of the post Manicorda on the coast of Travancore, of which the crew was saved, except for a few; these unfortunate shipwrecked persons arrived here on the afternoon of 29 May and recounted to us their misfortune, and that the Travancore Nairs had seized everything they had not yet brought ashore; that And had the goods of little value sold on the spot. Expression of thanks from the secunde for his promotion. they had resisted them and driven the Nairs back by force of arms, but that subsequently a greater number had arrived, who wounded many of them and put them to flight; and that, moreover, their captain was taken prisoner and was also wounded; however, this last was found to be untrue, since that captain managed to escape his arrest after 8 to 10 days and arrived here safe and sound; Travancore meanwhile seized the cargo and ship, and had the goods of little value sold at auction at the place of the stranding. Among the servants, the secunde and head Departure of the former secunde as director to Surat on an English ship; expression of thanks from the other favored servants. head administrator Reijnier van Haan expresses his most humble gratitude to Your High Nobles for his received advancement, with the respectful assurance that he will strive to merit the high favor of Your High Nobles through zeal and vigilance in that office; the same entered upon that office on 7 November last, and the Honorable Willem Jacob van De Graaff, appointed by Your High Nobles as director of Surat, departed on the 9th following on an English ship named Revenge for Bombay, in order to cross over from there to Surat; no less do the fiscal Samuel Constantin Faffin and the junior merchants Jan Lambertus van Spall and Abraham Jean Scipion Vernede express their gratitude, the first for his advancement and entry into his present employment and the two others for The bookkeeper Wolff will go to Cranganore as resident upon arrival, and Seijffer will again function as pay bookkeeper; appointment of the assistant Scheijts to transferrer of trade, with promotion to bookkeeper. for their obtained administrations of warehouse keeper and shopkeeper and purser; the bookkeeper Wolff, upon his arrival here, shall be stationed as resident at Cranganore, and the junior merchant and current head there, Coenraad Gorge Seijffer, shall again be placed in his former post of pay bookkeeper; which post will be attended to until then by the aforementioned Vernede. The transferrer of trade Lambert Kellensz died on 22 February anno passato, and at our session of 6 March following, we appointed to that post the assistant Jan Andries Scheijts, as being the most qualified for it, with promotion to bookkeeper.
Dutch transcription
hunne drie masten zijn gelijk en teffens ook hun rder verlooren gegaan versoeken de schepelingen hulp en bystand, die ken is gelgeven van Goa na Lissabon gedestineert; dat hij met dit schip in Compagnie van nog twee andere scheepen en een pale: op den 18. maij Annopas sato, van Goa te zeijl was gegaan, waer van het eene meede na Lissabon, het ander na maccauw, en de Pale na Mouritius, was gedestineert dat hun op de hoogte van man„ „galoor een storm had beloopen, waer door ze van malkander geraakt waaren, dat ze met hun schip op den 28. e maij op de hoogte van Cochim komende, in de swaare storm alle hunne drie masten gelijk, en hun Roer hadde verlooren, en derhalven genoodsaakt waaren geweest, dewijl de wal zeer genadert waaren, het anker te werpen, versoekende denselven, uijt naame van zijn ko„ „ninglijke Majesteijt van Portugaal om het Gereguat is met opgeregte Rondhouten en behulp van vaartuijgen in de kuijder moddenbaaij gebragt masten en hoer vervaardigt en derwaarts gebragt. om hulp en assistentie; wij hebben hen alle mogelijke hulpe beloofd en ook toegebragt zoo veel het onstuijmig weer en de verbolgen zee maar immers wilde toelaaten, het weer maar eeniger maate bedaarende, hebben wij den boodsman Jan Smit na boord gesonden, om het schip met opgeregte rondhouten, bij mogelijkh:d na de zuijder modderbhaaij te brengen, aan boord gekomen zijnde, zijn Eenige Rondhouten opgeset, in steede van de verlooren masten, en een soort van een Roer, tot een hulp middel ge„ „maakt, om het schip te Regeeren en is op den 3. Junij onder zeijl gegaen en heeft met behulp van een goed getal Roeij vaartuijgen het schip in de gem: Modderbaaij gebragt, alwaar de scheepelingen hebben nieuwe het zelve de kwaade mousson overgeleegen heeft; Jntusschen hebben de na Europa vertrokken in dien selfden storm is ook een maccaurs schip bij zuijder dog het volk gesalveert. de schip breukelingen zin op heeft schip en goed na zig ge„ nomen. de scheepelingen hier nieuwe masten en Roer vervaardigt, en na derwaarts gebragt, waar door het zelve in staat gesteld zijnde, om de Reijs na Europa te kunnen onderneemen; den 27:e 9ber J:o leeden hier ter Rheede is verscheenen, den 17. december is het fraguat en op den 17: december daar aan„ de reijse na Europa heeft voortgezsl Jn den voormelde storm is ook bezuijden van de Post manicoorda op Jrevan Coors strand, komen te straanden en te verongelukken een por„ manicoorder verongelukt tugees maccaars schip genaamt S=t Anthonij Velho, waar van het volk gesalveert is, op eenige weijnige na„ deese ongelukkige schip breukelingen kwamen den 29: maij 's agtermiddags hier aan, en verhaalden ons, hun noodlot, en dat de Jrevan Coorsi naijers Cochum gekomen en prevaucoor alles had den aangeslaagen wat ze nog niet van boord gebaagt hadden; dat van ze in de waard dan „n in de goederen van weijnig waarde aan staand laaten verkopen. dankbetuijging van den secunde „ring zo zig daar tegen hadden gesteld, en de naijros gewapenderhand te rug gedreeven, dog dat vervolgens een grooter getal was aangekomen, die veelen van hen gequest, en hen in de vlugt geslagen hadden; en dat daar en boven hun Capi„ „tain was gevangen geraakt; en ook waar gekwest; dog dit laatste is onwaar bevonden, dewijl die Capitain na 8 a 10. dragen zijn arrest heeft weeten te ontkomen, hier gesond en wel aan „gekomen is; Trevancoor heeft intusschen goed en schip na zig genomen, en de goederen van weijnig waarde, ter plaatze van de stranding, bij vendutie laaten ver„ kopen Onder De Dienaaren betuijgt zijne oot„ van staan voor zijne bevonde, moedigste dankbaarheijd aan Uw Hoog Edelheedens, den secunde en Hoofd vertrek van den geweest secunde als Derecteur na souratta met een Engelsch schip dankbetuijging van de verdere begunttigde dienaaren hoofd administrateur Reijnier van Haan voor zijn bekomen advancement, onder Eerbiedige verseekering, dat hij door iever en vigilantie in die bediening de hooge gunste van uw Hoog Edelheedens zal tragten te meriteeren; denselven is den 7. November Jongst leeden en die bediening getreeden, en den door uw Hoog Edelheedens, tot directeur van souratta aangestelden D' E: Willem Jacob van De Graaff, is den 9. daar aan„ met een Engelsch schip genaamt Revenge„ na Bombaij vertrokken, om van daer na souratta over testeeken; niet minder betuijgen de fiskaal Samuel Constantin faffin en de onderkooplieden Jan lam„ „bertus van Spall en Abraham Jean Scipion vernede, hunne dankbaarheijd, den Eersten voor het advancement en optreeding in zijn present emplooij en twee andere voor den boekhouder woeft zal bij aankomst als Resident na Crangaroor gaan. en seijffer weeder als soldij boekhouder fungeeren aanstelling van den atsestend scheijts, tot negotie overdragen. voor hunne verkreegene administaa„ „tien van Pakhuijsmeester en winke„ „lier en dispencier, zullende den boek„ houder Wolff, bij zijn aankomst alhier, als Resident te Cranganoor geplaatst en den ondercoopman en thans opperhoofd aldaar Coenraad Gorge Seijffer, weeder in zijn voorige bedie„ „ning van zoldij boekhouder gesteld werden; welke bediening tot zoo lange door voormelten vernede zal werden waargenomen. boekhoutr. en Den Negotie overdrager Lam„ „bert Kellensz:, is den 22. februarij A„o onder bevording tot boekhouder passato overleeden, en ter onser sitting van den 6=e maart daar aan, hebben wij in die bediening gesteld den assistend Jan Andries Scheijts als de bequaamste daar toe zijnde, onder bevorderinge van boekhou„ der. Mits i
English
Because of the invasion of Cranganore and subsequently the Cranganore chief, due to his indisposition, cannot perform everything that is necessary. The Paponetty Resident, having left his residency, first came to Cochin. Because of the invasion of the conquest of Paponetty, the Resident formerly stationed there, Joost Breekpot, retreated to Cranganore, where he remained for some days and also assisted with the clerical work; subsequently, he came here. Shortly thereafter, or on 2 November, the Cranganore chief Seijster informed us of his continuing sickly condition, testifying that in the hope of recovery he had kept things going alone until now, but to his regret was no longer able to do everything alone that currently pertained to his department, requesting therefore that someone might be sent there to assist him. Observation on the importance of this fortress, where there is no clerk of the pen. A Paponetty Resident, Breekpot, is appointed to assist him. We considered the important circumstances of the time and the significance of this fortress, which currently prevents the further advance of the Nawab's troops, and that something unexpected might occasionally happen to the chief, and since there is not a single clerk of the pen at Cranganore besides the chief, we judged it necessary under these present circumstances to provide for this as quickly as possible. We thought it proper, immediately and that very same evening, to send the said Paponetty Resident Breekpot to Cranganore for the aforementioned purpose. Since he has nothing to do as long as Paponetty remains occupied by the Nawab's troops, and furthermore knows the connections of affairs in Cranganore and Paponetty, he was the best suited to go to Cranganore for the aforementioned purpose, so that if anything human should befall the chief, he could immediately act in his place until our further orders. He accepts that commission with great willingness, but afterwards changes his mind and refuses to depart. We had this resolution made known to the said Resident in the assembly and asked whether it was possible for him to depart this very evening, whereupon he testified to be very pleased with that commission and able to depart that very evening. But when the letter for his escort, which was also addressed to him, was sent to him, he refused to receive it and sent it back, saying that he would not receive the letter and would also not depart unless the chief Seijffer of Cranganore was recalled and he was appointed as Resident in his place. He behaves foolishly in this matter. He is called into the assembly and questioned about this change, desiring that the chief Seijster of Cranganore be recalled. The Governor, unable to comprehend what this meant, first had the said Breekpot called to him and tried to make him understand his foolishness. But he persisted in his statement, testifying however that he had indeed returned the letter, though not with such a refusing answer as had been reported, but rather saying that he could not receive the letter and also could not depart. The Governor made this known to the members who had remained to accompany him, whereupon we called the said Breekpot into the assembly and questioned him about this. He then answered in substance, with a rather far-reaching boldness, that he had reconsidered, and that if the chief Seijster of Cranganore were recalled and he were appointed in his place, he would then be willing to depart; but if such did not happen, he then requested to be discharged from the said commission and to be allowed to depart with his salary stopped to Batavia, and if not to Batavia, then to the fatherland. He requests otherwise to go to Batavia or Europe with stopped salary. He was excused from that commission, but his salary was stopped due to his improper conduct, to depart to Batavia at the disposal of Your Excellencies. The bookkeeper Benning then goes in his place to Cranganore. And since we did not deem it advisable under the present circumstances to send such a strange and vacillating person against his will to Cranganore, we discharged him from that commission, and on account of his conduct, which was as improper as it was disobedient, had his salary stopped from that day forward, in order to allow him to depart on a suitable occasion to Batavia, thus remaining at the further disposal of Your Excellencies. Meanwhile, in place of the said Breekpot, the bookkeeper Johannes Benning was appointed to the aforementioned commission and departed for Cranganore. Death of Captain-Lieutenant Bekker. The command at Ayacotta is entrusted to Lieutenant van Den Busch in his place. The same is known as a person of merit. Captain-Lieutenant Anthonij Becker, having been stationed as Commandant at Ayacotta and having fallen ill there, came with permission to Cochin and died a few days thereafter. During his illness, the command over this currently so important post was entrusted to Lieutenant Fredrik van Den Busch, who gave good satisfaction therein. In our Cochin garrison we had no other captains or captain-lieutenants than those belonging to the company detached here from Ceylon. The said van Den Busch is known as a person of merit to whom the aforementioned important post can be safely entrusted. This having been taken into consideration by us at the session of 21 December last, we have, in place of the said deceased Bekker
Dutch transcription
Breekpot; is mits de invasie op Cranganoor en vervol„ het Cranganovase opperhoofd niets indispositie niet alles kan verrigten wat noodig is. Mits de invasie van het Con„ quest Paponettij heeft den aldaar geleegen hebbende. Resident Joost Den Paponettyjse Resident Breekpot zig na Cranganoor gerete van zijn Residentie, eerst „ reert, alwaar hij eenige daagen geblee „gus na Cochim gekomen ven is, en het schrijfwerk meede heeft waargenoomen, vervolgens is denselven, dit heen gekomen; kort dato, of den 2. November, Gaf het Cranganoors opperhoofd Seijster ons kennisse van zijnen aanhoudende ziekelijken staat, onder betuijging, dat hij in hoop van beeterschap, het dus lange, nog alleen gaande gehouden had, dog tot zijn leedweesen nu niet meer in staat was, om alleen seijkter beswaart zig dat alles te doen, wat thans, van zijn departement was, versoekende der„ „halven dat iemand, na derwaarts mogte gesonden werden, om hem te assisteeren; wij overwoogen hier geleg aanmerking over de aan„ gelegentheijd van dit foat. daar geen dienaar van de penis. vaan beeoemt tot zijn assistentie een paponettijse Rekoot reckpot. „wigtige tijds- omstandigheeden, en aangeleegentheijd deeser fortresse, die thans belet den verderen in „drang van snababs troupen, en dat het opperhoofd somwijlen onver„ „wagts iets kon overkomen, en dewijl „dat buijten het opperhoofd er te Cranganoor, behalven het opper„ „hoofd, geen een bediende van de pen is, oordeelden wij in deese tijds om standigheeden zoo spoedig mogelijk daar in te moeten voorsien, en vonden goed, om ten eersten en nog dien zelfden avond, ten voorschreeven eijnde, na Cranganoor te zenden, gemelde Papo= nettijse Resident Breekpot; die dog zo lange Paponettij door 's nababs troupen g'occupeerd blijft, niets te doen hebbende, en buijten des de conneetie van zaaken te Cranganoor en Pa„ ponettij weetende, de beste was, ten hier op nog ten zelven dage de ge„ gemelde denselven neemt die Com„ missie met veel bereijd wil„ ligheijd aan. dog verandert naderhand van Comept en wel met 8 vertrekken gemelde eijnde na Cranganoor te gaan, om ingevalle het opperhoofd iets men„ „schelijks mogt overkomen als dan in desselfs plaats terstond te kunnen fungeeren, tot onse nader ordre: gem: Resident lieten wij in de vergaderinge dit besluijt bekent maken, en afvragen of het hem mogelijk was nog deesen avond te vertrekken, waar op hij be„ tuijgde zeer verlend te zijn, met die Commissie, en nog dien avond te kunnen vertrekken; dog toen de brief ten zijnen geleijde, die ook aan hem beschreeven was, hem toegesonden wierd, wijgerde hij deselve te ontvangen, en zoud die te rug onder het zeggen, dat hij de briev niet ontvangen en ook niet ver „trekken zoude, ten zij het opperhoofd Seijffer van Cranganoor opkome, en in desselfs plaats als Resident aan „gesteld werden 4 af d gedraagt zig dwaarlijk in deese zaak. denselven word in de verga„ afgevraagt van die verande„ begeert dat het opperhoofd seijster van Cranganoo werde aangesteld. De Gouverneur niet kunnende bevroeden, wat dit beduijdde, liet gem: Breekpot eerst bij zig roepen en traglede hem zijne dwaasheijd te doen begrijpen, dog hij bleef bij zijn zeggen, betuijgende egter, dat hij de buiev wel had te rug gegeven, dog niet met een zoodanig wij ge„ „rend antwoord, als gerapporteert was, maar wel met het zeggen, dat hij de buiev niet kon ontvangen en ook niet kon ver„ trekken: Dit maakte De gouverneur aan de leeden, die hem nog waaren blijven vergeselschappen, bekent, waar op „dering geroepen, en verden wij gemelde Breekpot hier over onder„ „hielden die toen met een al vrij wat verre-gaande vrijmoedigheijd, in substantie antwoorde, dat hij zig bedagt had, dat indien het opperhoofd seijster van Cranganoor opgeroepen, en hij in desselfs velijt, en hij als ativ.:t plaats aangesteld wierd, hij als dan wel wilde vertrekken, dog indien zulx niet „ringe versoekt anders niet afge„ schreeven gagie na batavia of Europa te gaan. wierd van die Commissie g'excuseert, dog zijne gagie gedrag afgeschreeven. van haar hoog Edelheed:s na batavia te vertrekken. den boekhouder Benning gaat daar op in desselfs plaats na Cranganoor niet geschiede, hij dan versogt om van gem: Commissie ontslagen te worden, en met afgeschreeven gagie na Batavia, en zoo niet na Batavia, als dan na het vaderland te mogen vertrekken; en dewijl we het niet Raadsaam oor„ „deelden, en de presente tijds omstandigheeden zoo een wonderlijk en varieerend mensch tegen zijn zin na Cranganoor te zenden zoo hebben we hem van die Commissie niets zijn wanschikkelijk ontslagen en wegens desselfs zoo wan „schikkelijk, als Des obedient gedrag, desself gagie van dien dage laaten afschrijven, om hem bij voorkomende gelegentheijd om zoodanig ter dispositie, zoodanig ter verdere dispositie van uw Hoog Edelheedens na Batavia te laaten vertrekken. m Terwijl in steede van gemelde Breek Commissie be„ pot, tot de voormelde noemt en na Cranganoor vertrokken is, den boekhouder Johannes Benning. Den Den Capitain overlijden van den Cap„ dieuten Bekker. den Lieutenant van het Commando le Aijkosta opgedragen. de selven is bekent voor een persoon van merik Lieutenant Anthonij Becker als Commandant te Nijkotta geplaatst geweest, aldaar ziek geworden zijnde, is met permissie na Cochim gekomen en weijnige daagen daar na overleeden; geduurende desselfs ziekte is het gesag over deese thans zoo aangelee„ „gene post, opgedraagen aan den Lieuten=t den Busch in zijn plaets redrik van Den Busch, die daar in goed genoegen gegeven heeft; in ons Cochims guarnisoen hadden wij geen ander Cap=ns nog Capitain Lieutenants als de geene die behooren tot de Compagnie die van Ceijlon hier gedetacheerd zijn; gemelde van Den Busch is bekent voor een persoon van merites, aan ween men met gerustheijd de voorm:de aangeleegene post kan aan vertrouwen, het geen bij ons ter sitting van den 21. december v:rleden en aanmerking genomen zijnde, hebben wij in steede van gem: overleedenen Bekker
English
is provisionally appointed Captain Lieutenant. The confirmation and promotion of the latter is requested. Bekker, subject to the esteemed approval of Your Right Noblenesses, has provisionally appointed Captain Lieutenant, the aforesaid Lieutenant van den Busch, to take command at Aykotta, and in his place as Lieutenant, Ensign Pieter Gremke, and in the latter's place as Commanding Sergeant, Sergeant Johan Fredrik van Strijke, who is a vigilant person and of good conduct; we humbly request that these provisional appointments may be favorably approved by Your Right Noblenesses, and that the first two mentioned persons may be confirmed in those capacities, and the latter favored with the rank of Ensign, with the addition of the salary pertaining thereto, as the said persons also most humbly request of Your Right Noblenesses in the accompanying petitions. Death of Ensign and Adjutant Jupke, in whose place Sergeant Rommel serves. Number of pensioned persons who request continued benefits. Recently pensioned. Ensign and Adjutant Christiaan Jupke passed away under date of 30 May of the past year, in whose place Sergeant Hendrik Rommel provisionally serves as Adjutant, as a person who possesses the requisite competence for this. The pensioners consist of a number of 20 persons, as shown by the accompanying name list; they renew their usual supplication for the continued enjoyment of their retirement pension, among which number are included two persons, the soldier Adam Scheel of Sandau and Corporal Sigfried Grobeng of Brunswick, who according to our Resolutions of 6 March and 17 October of the past year, on account of their long years of service, advanced age, and bodily infirmities, have been placed among the retired servants, the first at f 7 and the other at f 10 per month. Requisition of merchandise; insertion thereof; consumption in the... Consumption; consumption; remainder. 481. Requisition. We request that our provisional requisition of merchandise and necessities, summarized in Council and annexed hereto, may be granted through Your Right Noblenesses' favor, consisting of the following articles: From last December to date of this; for the new book year 1707 per date of this. Merchandise. lb. 22294: 25069: 10935. 30000 lb. cloves 11089. 13403. 4674. 16000 lb. nutmegs 25 soc サels mace, or [illegible] 171819. 274313. 125000 lb. Japanese copper in bars 1210467. 1840923. 295589. 6600 cans powdered sugar 68760. 109066. 19587. 500 lb. sugar candy Warehouse Necessities 371 1/2. 47. 800 single bundles of rattans. 197 1/2. 8220 1/4. 2305. 6757. 14000 lb. nails for vessels and domestic consumption, of which: 1000 lb. thick single 174. 1000 pump and English nails, assorted 500 7-inch 1273. 2000 thick double 4000 ceiling nails In the last 5 years on average; cleared since 1st; 500 6-inch 500. 500 5-inch Socuels 18. 13 1/2. 9542. 100 bundles 40 bundles Requisition. In the last 5 years on average; consumption during the run from 1st September to date; 30. 29 1/8. 23 1/20. 2500 thin single 2000 drielingen 2000 lalijzers 1000 duijkers bellows scupper flat heads Printed Books 10 pieces letter art Steps of Youth 6 Communion booklets 20 ABC boards 20 ABC booklets 3 Examples of Divine Truths by Hellenbroek Writing and Bookbinding Implements 36 reams large format paper 45 reams small format paper 1 1/2 lb. cut pencil and red chalk 100 bundles quill pens 5 3 pieces whetstones 53 1/2. 80 lb. gallnuts 4 25 lb. gum 10 1/4. 12 copper red 12 pieces penknives 1 1/2 1/2 ream imperial paper Provisions 200 bottles sack wine 12 half aams linseed oil 1 aam tarragon vinegar 1 1/2. 3. 7. 22 1/2. 21 1/4. 14 1/4. 11 1/4. 66. 63. 92. 85. 36. 40 9/20. 9. 11 1/2. 9/38. 10 pieces. 848. 1169. 181 of this. 100. 1714. 1202. 946. 3. 4. 1 1/2. 1/18. 100. 5. 8. 1. 100. 8. 16. 16. 20. 20. 6. 10. 10. 10. 10. Requisition. Dutch; 5 years on average; consumption; consumption; remainder; four. 1136 1/2. 80. 3 years 836. 753. 596. 6. 4. 13 1/4. 6. 12. 100 1/4. 110. 200 lb. iron lock plates, double 535 1/4. 56. 500 lb. steel 448. 1655. 1000 lb. pig lead 335. 300 lb. yellow sheet brass 654. Various Paints 5 lb. Spanish green 18 1/2. 697 1/4. 289. 1000 lb. white lead 141. 274. 200 small barrels of lampblack For the Armory 7. 10. 12 drum straps 7. 20. 25 bundles snare cords 19 7/30. 25 pieces chamois leather For the Blacksmith's Shop 6 lb. refined borax 20 1/3. 30 chaldrons smithing coal 21/7. 29679 1/4. 30340 1/4. 5757. 30000 lb. iron for domestic consumption, of which: 8000 lb. carriage iron 3500 lb. sheer iron 2500 lb. scrap iron 3000 lb. square 5-quarters 5000 lb. long sheet 12 drum hoops 23. 25 bridle lines 3000 1-inch 5000 1/4-inch 5 barrels meat 5 barrels bacon 6 barrels Frisian butter 6 half aams Dutch vinegar 500 lb. Javanese cotton yarn 4 leagers Cape white wine 2 leagers Cape red wine arrack [illegible] book year 1705 per date in the last; during the; 198. 1169. 188. 576. 640. 1 piece. 1/2. 2 1/8. 3. 3. 3. 135. 2. 7. 2. 42. 8. 120. 7. 7. 29. 90. 6. 6. 22. 6. 1. 7. and 3 years 524 3/4.
Dutch transcription
is p:l aangesteld tot Capn diceutent diceuten ant het Commpandeerent zergrant: de bevestiging, en bevording van den laatsten word versogt Bekker op de g'Eerde approbatie van uw Hoog Edelheedens tot p:l Copta lcuten=t aangesteld voorschreeven Lieutenant van den Busch om het Commando le Aijkotta te voeren, mitsgaders zodanig en zijne plaatze tot Lieutenant, den den vaandrig panke als vaandrig Pieter Gremke en in dies steede tot Commandeerend Zergeant en den sergeant van stuijke Johan Fredrik van Strijke die een Vigiland persoon en van een goed Com„ „portement is; wij versoeken ootmoedijgt dat deese p=le aanstellingen door uw Hoog Edelheedens gunstiglyk g'apparobeert en de twee eerst gem: persoonen in die qualiteijten mogen bevestigt, en den laatste met de qualiteijt van vaandrig begunstigt werden, onder toevoeging van de daar toe staande gagie, gelyk gei=de persoonen ook bij de nevensgaande Requesten ootmoedigst van uw Hoog Edelheedens zijn versoekende Den Den vaandrig en ajudant Christi„ overlijden van den vaandrig en adjudant Jupke in wel„ kerf plaats den sergeant Rommel fungeert grootheijd van het getal der gegagieerdens die verder genot versoeken. Jongst gegageert. Aan Jupke, is onder dato 30. ' maij Anno pass:o overleeden in welkers plaets bij provisie als adjudant fungeert den zergeant Hendrik Rommel, als een persoon, die daar toe de verEijschte bequaamheijd bezit. De Gegagieerdens bestaan in een getal van 20. Persoonen, uijtwij„ „sens nevensgaande naamlijste; deselve Renoveeren hunne gewoone suplicatie om het verder genot der Rust gagie, onder gemelde getal is gereekent daar onder zijn twe personen den zoldaat Adam scheel van zan„ „dauw en Corporaal Sigfried Grobeng van Bronswijk, dewelke volgens onse Resoluties van den 6. maart en 17=de october anno passato, om de wille van hunne langjaarige diensten, hooge ouderdom en lighaams ge „ Eysch van koopmansz insertie daar van den vertier in de den vertier Den vertier Het Res„ 481. gebreeken, onder de Rustende dienaar gesteld zijn, den Eerste met ƒ 7. in den ander met ƒ 10-. ter maand. Onsen in Raede geresumeerden en hier nevens gevoegden provisioneele Eijsch van Koopmanschappen en benoodigtheeden, versoeken wij dat door uww Hoog Edelheedens goed„ heijd mag werden voldaan, bestaande deselve in de volgende artikulen van 't Jongst xber: tot land om Nieuwen boekj=r 107 p: dato deeses der dato deeses. Eijsch Koopmanschappen. lb: 222:94: 25069: 10935. -. 30000. lb. Garioffel nagulen 11089. 13403. – 4674 —. - 16000: „: Nooten huisschaaten 25. zoekels foelij, of mans 171819. - 274 313 125000. lb. koper Japans in staven 1210467 - 1840923 - 295589 6600: kann:s zuijker poeder 68760. - 109066:- „ 19587. zuijker Condij 500. „ Pakhuijs Behoeftens 371:½ 47. 800. Enkelde bossen Rottings. 197½ 8220. ¼. 2305. 6757. — 14000. lb spijkers tot de vaartuijgen en Consumptie in de huijs= houding daar van 1000: lb. dikke Enkelde 174 - . . . . 1000 „ pomp en Engels spijkers, in zoort —. - - - 500: „ 7. d=ms 1273. - - - 2000. „ dikke dubbelde —. . . . . 4000. „ zolder nagels laatste 5. Jaaren door ged: den loosz zedert p=mo —. . . . 500 „ 6. „ den anderen geslagen 500. . . . . 500. „ 5. „ Zockels 18 13½. 9542. — 100 „ 40. bossen - „ Eysch. de laatste tier ged: tier zeb„t jaaren door den loop p=mo 7ber vorgste tot bota„ vverstid, en verhalen van Met Cest: Mien„ „andere ges: van t „ 30. — 29 1/8. 23 1/20 dato; 2500. dunne Enkelde 2000. drielingen 2000. lalijzers -- 1000. duijkers —. blaasbolg „ schot .plat koppen Gedrukte boeken 10 p:s letter konsten trappen der Jengd 6. „ nagtmaal boekjes 20: „ a b: c: bortjes 20: „ a: b: C. boekjes voorbeelden der Goddelijke waar heeden door hellenbroek 3. Schrijf en Boekebinders Gefreetschappen 36. Riemen groot formaat papier 45- „ kleen formaat papier 1½. lb. gesneede potlood en Roodaarde 100. bossen penne penne phagten 5. 3. p. s slypsteentjes 53½. 80. lb. Galnooten 4 25. lb Gom 10¼. 12. „ koper rood —. 12. -. p. s pennemessen 1½. —½. Riem Jnperiaal papier Provisien „ 200 bottels zeek wijn 12: – halve aamen lijn zaat olij 1. - aamen dragen azijn —. —„ 1½ 3 7 22 ½. 21¼. 14¼ 11¼. 66. 63 . — —. 92 - 85. . —. 36 40 9/20. 9. 11½. — 9/38. 10: „ 848. 1169 bonskp:s 181 C deeses deeses. 100. 1714. . 1202. 946. - Ouder wen „ „ —. „ —. - 3 —: —. 4„ 1½. — 1/18. 100 5 — 8. - 1. . —. „ —. 100. 8. 16. 16. 20 20 6 10 10 10. 10. de Eykh. hollands 5. Jaaren door loop van den vertier den vertier het Restand Vier den anderen getl: het Jongste dato en 28 Janen 686. 1136½ 80 3. Jaren 836 753. 596 —. 6 - 4. — 13¼ 6. — 12 —. 100¼ 110 — 200 - lb. ijzer sloot plaaten d'ubbelde 535¼. 56. - 500 - „ staal 448. -. „1655 - 1000 – „ zeuglood 335 —. —. - 300. - „ geel plaat koper 654 Verven Diverse 5—. lb. spaans groen 18½ 697¼ 289. - 1000 - „ lood wit 141. —. 274 - 200 -. tonnetje swartzel voor De wapenkamer 7 — 10 - 12 — peet trom reepen 7 20 - 25. - bossen toom snaaen 19 7/30. — 25. —. p:s zeemleer Voor De Smits winkel 6 — lb: niner bonax 20 1/3. 30 — hoeden smeekoolen 21 /7. 29679¼. 30340¼. 5757 - 30000— lb. ijzer tot Consumptie in de huyshou„ „ding, daar van 8000. lb. affuijts 3500. „ schaar 2500. „ lomp 3000. „ vierkant 5. quartiers 5000. „ lang plaat 12. - „ trom hoepels 23 — — — 25 „ toom lynen 3000. „ „ 1. d=ms 5000 „ „ —¼ „ 5: — vaten vlees 5. „ spek 6. —. „ boter vriese 6 —. halve aamen azijn Hollands — 500 — lb. Cattoen gaaren Javaas 4 - leggers Caabse witte wijn 2 Caable Roode wijn raak apij boekj„o 17 5/p. deekel in de laatste ged: den ouder wen 198- 1169. 188. — 576. 640: — 1. p - —½ 2 1/8. 3 3 — 3 - 135: —. „ „ 2. —. 7. — 2. — 42. 8 120 — 7 7 29. .. 90 6 6 22 — 6 1 7 en 3 Jaarn 524¾
English
Consumption in the last 5 years on average struck, the course to date of the latest date: 12 pieces of lead lines tarred lines white lines 12 40 barrels of tar 16 barrels of pitch 16 barrels of rosin 6 hides of pump leather 21 8 50 pieces of tar brushes 6 25 rolls of grey cloth, Dutch 2 10 broad sailcloth ditto 10 pieces of grapnels from 100 to 200 lb. 50 rolls of 1 sailcloth Dutch 18 100 pieces of sail and bolt-rope needles 120 12 sail palms 5 36 48 200 100 lb. calcite 8 pieces of half-hour glasses 4 3 4 whole ditto 50 iron-shod ballast shovels 63 100 lb. sail twine 6 hides of buoy leather 12 pieces of iron hawsers 2½ 4 6 wheel hawsers 1 Dutch coil of 6 inches 157 1¼ 1/16 1 37 2¾ 4 2 bolt-rope hawsers. For the Coopershop 5026 3581 8000 lb. hoop iron by sort, namely 2244¾ 3581 4000 lb. whole leagers 2000 half leagers 900 954 1000 whole aams 1000 half aams 10 26 1½ 7 1¾ 1¼ 1/12 2 4½ 3 24 4 1/5 3 15 2 4 1/88 33 6450 26 26 3 4 3 12 7 3 19 6 5 1 3/5 20 7 8 4 10 29 3 3½ 21 3½ 2 7 pairs of anvils bench vices For the Equipment Yard for and 3 years 1 book year 17 5/6 2 2 2 4 Requisition 5 5 9 7 2 in 3 years 2 8 927¼ 5 Consumption in the last 5 years on average struck, the consumption of the latest date, this requisition: 2 pieces of mast timbers of 15 to 16 palms spars, by sort 4 grindstones of 4 to 5 feet wooden braces trowels tile smoothers 6 riveting and clench hammers jack planes 2 round planes hollow and moulding planes jacks, For the Artillery howitzers of 5 inches with their accessories 300 pieces of bombs for the same 2500 1000 round shot of 8 lbs of 4 lbs 3654 1000 40 1638 1500 3½ 3 7/10 10 reams of cartridge paper 250 pieces of bombs of 5½ inches mortar of 5 inches Various medicines and oils according to catalogue For the Carpentry Yard 3 Furthermore, in fulfillment of Your Right Honorable's much honored order, the number of servants present is noted herein, with everyone's profession and rank as they were found to be present under date hereof, with an indication in a separate column of the number determined for each profession by Your Right Honorable. According to establishment, servants, more, less, determined by: Of Policy and Commerce 1 Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director Commander 1 Senior Merchant, Head Administrator and Second 1 Merchant, Fiscal and Cashier 1 Head Interpreter 4 Bookkeepers with Junior Merchant emoluments 33 Clerks, being 17 Bookkeepers, including 1 indigenous resident and an assistant interpreter 11 Assistants, including one with the interpreter 5 Junior Assistants 33 Clerks 3 Junior Merchants Minister 2 Sick Visitors Military 1 Major Captain Captain Lieutenant 2 Lieutenants Ensign 4 19 Sergeants Corporals Church Servants 2 8 12 1 1 1 3 1 4 1 13 20 2 1 2 2 11 15 1 Servants, more, less: 1 Drum Major 3 Fifers and 8 Drummers 179 Privates, being 111 Europeans and 68 Natives 179 Soldiers Garrison Clerk Eastern Military Captain 2 Lieutenants 3 Ensigns 8 Sergeants 11 Corporals 78 Privates Sepoys Captain 3 Ensigns Sergeants Corporals 207 Privates Military from Colombo, detached here: Captains Lieutenants 6 Ensigns 8 Surgeon 5 Desaamres Captains 5 Fifers and 14 Drummers 25 Sergeants 30 Corporals 600 Privates 7 3 10 213 Artillerymen present here, namely: 78 11 8 3 2 1 34 11 7 10 1 5 10 600 30 5 25 5 6 207 1 7 10 3 1 According to establishment, more, less: Artillerymen from Colombo, detached here, being Ordinary Lieutenant Extraordinary Bombardiers Gunners Matrosses Eastern Military from Colombo, detached here: Captains Lieutenants Ensign Drillmasters, European 8 Sergeants Corporals Drummers Privates Sepoys from Nagapatnam, detached here: 1 European Ensign as Commandant 1 Sepoy Captain Ensigns 1 Sepoy Drillmaster 6 Sergeants Corporals 3 Pipers and Drummers 197 Privates Marines, both on shore and on the sloops and smaller vessels: Titular Master and Equipment Master Lieutenant and Equipment Master Boatswains 2 4 3 Present here: 1 4 3 6 39 4 2 2 4 2 12 2 167 2 2 8 12 2 167 3 6 9 3 197 1 1 2 9 3 1 1 3 6 39
Dutch transcription
een vertien in de laatste 5. Jaaren door den anderen geslagen den loop dato van 't Jongsten dases. „tier ged: stond ond den venn Het Rt: Neen„ 12. p:s lood lijnen geteerde lijnen witte lijnen 12. — „ — — 40 vaten theer — 16 — „ piek 16. — „ haapuijs 6 — huijden pompleer 21 - 8. - 50 - p:s thier quasten 6. — — - 25. — Rollen grauw doek, hollands 2 - 10 - „ breed Everdoek d:o 10 p. s dreggen van 100: tot 200. lb. —. — 50. Rollen 1 Zeijldoek hollands 18— 100 p. s zeijl en liknaalden 120 — 12 – „ zeijl plaaten 5 — 36 — 48-. 200 100 — lb. kalijt 8 -. p:s halve uur glaasen 4 — — 3. 4 — „ heele „ d:o 50 — „ beslage ballast schoppen 63. — —. — 100. — lb: zeijlgaaren 6 —. huijden boeijleer 12. – p:s ijzer trossen 2½ 4„ 6. - „ wieltrossen 1 „ wond hollands van 6. d=m 157 1¼. —. 1/16. 1 „ „ 37 2¾. 4 — 2. - „ lyk trossen. Voor De Kuijpers winkel 5026. -. 3581. 8000. — lb: hoepijzer in zoort teweeten 2244¾ 3581 - 4000. lb. heele leggers . -. 2000. „ halve leggers 900. . — 954. —. —. 1000. „ heele rams 1000. „ halve aams 10 „ 26. 1½. 7 1¾ 1¼ — 1/12 2 — 4½ 3. 24 „ 4 1/5. 3 - 15 — 2 — 4 — 1/88. 33 — 6450. 26. — 26 — 3. 4 3. — 12. 7— 3. — 19. — 6. — 5. — 1 3/5. 20 — 7 — 8 — 4 —. 10 29. — 3: 3½ 21 3½ 2 — 7. p:r Ambeelden bankschroeven Voor De Equipagie Werff voor en 3 Jaren 1: „ boekjr 17 5/6. —. 2. 2. 2. 4 Eysch. wen 5. — 5 — 9 — 7— ——. „ 2. in 3 Jaren 2. —. 8— 927.¼. „ „ 5. „ den vertier in de laatste 5 Jaaren door den anderen tier ged: den ver annotatie van het getal der aanweesende dienaaren het Ast wen van 't Jongste dato bostj=s 10 7C. deeses Eijkh. den loop Ouder 2 - p. s mast houten. van 15. â 16. palin spieren, in zoort 4-. „ slipsteenen van 4. â 5. voeten houtte omslagen „ tropfels „ panne sluijkers 6. - „ Prevel en klinkhamers „ geaf schaven 2 „ ronde „ holle 1 Ropsel schaven domme kragte, voor De Arthillerij „ houwissers van 5. d=m met hun toebehooren 300: pees bommen tot deselve 2500 -. 1000-. „ rondscherp van 8. lb:s „ van 4: lb: „ 3654 -. 1000 - „ 40 - „ 1638. –. 1500. – „ „ 3½ 3 7/10. 10. - riemen Cardoes papier — —. 250 - p:s bommen van 5½. duijm „ mortier van 5: d=m Diverse medikamenten en oliteijten volgens Catholoque — Voor De Timmerwerff „ 3. „ Werdende overigent in voldoening van uw Hoog Edelheedens veel g'Eerde ordre in deesen g'annoteerd het getal der aanweetende dienaaren met ieders beroep en qualiteijt zoodanig als deselve onder dato deeses in 6 6. 12 - „ 6. — hoore geslagen. 2. 2. 1. 1. — — —— — 6 2 12. „ 2 7 5 605 4 — — 2. 2. —. Nieu „ usertie daar van theer in Capitain. - - -. waare weesen zijn bevonden, met aantoo„ ning in een aparte Colom, het getal dat van ieder beroep door uw Hoog Edel heedens is bepaald. volgens gesch: bed: meer mind. r bep: bij Van De Politie en Commercie 1. Raad Extra ordinair van nederlands Jndia Gouverneur en Directeur Commandeur 1 opperkoopman, hoofd administrateur en secende 1 koopman fiskaal en kassier - - - . . . . 1 hoofd tolk 4. boekhouders met onderkoopmans Emolumenten 33. pennisten, als 17. boekhouders. waar onder 1. paponellijke Retid. t en een ondertoek 11. assistenten waar onder een bij den tolk 5. Jong assistent„ 33: pennisten 3 - onderkoopmans - - - - - - predikant: 2 „ krankbesoekers Militairen 1 majoor - - - - - . . vaandrigt 4. 19 sergeants . . Corporaals:. 2. Lieutenants. Capitain Lieutenant. -. kerkelijke Bediendens 2. 8. 12. veesen .. . . . : - .. . . — 1. 1. 1 3. 1 4 „ — —. - -- ƒ 1. —. -. 13 20. 2 1. 2 2. 11. 15. 1. „ - .. - - - - - . - .. - - .. . - . - . .. . . bedent: Meer minder 1 —. tamboer majoor 3. fluijters en 8 —- tamboers 179. Gemeene als 111. Euripeesen en 68. Jnlanders 179. soldaaten .. Guarnisoen schrijver Oostersche Militairen 8 —. sergeants 11 —- Corporaals 78 —. gemeene . Capitain - - - - 2. —. Lieutenants - - - - - - - - - - - —. 3: —. vaandrigs - - - - - - - - - - - - - —. Capitain 3 — vaandrigs sergeants Corporaals 207. — gemeene Militairen van Colombo alhier gedetacteert. Capitains Lieutenants 6. —. vaandrigs 8 —. Chirurgijn 5: —: Capitain desaamres 5. —. fluijters en 14. —. tamboers 25 — —. sergeants. 600. — gemeene . . . . 30: —. Corporaals - - - - - 7 3. —. 10. Ziepaijers 213. by dese Arthillemsen alhier in weten : - . . . . . . —. . . . . . . —: . . . . . . . —. . —. 78. 11. 8 3. 2. 1. . 34. 11 . de bep. volgt - .. . . .. . . . . . . . . . . . ... „ . . . . . . . . . . . . . ... - — 7 10 1. 5. 10 —. ƒ .. . . . . . . . . . .. . . . - - .. - .. ..— „ .- —„ 600 - 30. 5 25. ƒ —. — — „ :. - . - - ƒ — 5 6. . .. .. .. ..: -—. 207. — —. 1 7. 10 3 1 -. .— —. volgens Arthilleristen van Colombo bed: meer minder alhier gedetactreerd, als ordinair Lieutenant Extra ordinair„ bombardiers kannoniers handlangers Oostersche Militairen van Colombo alhier gedetacteerd. Capitains. ƒ Lieutenants vaandrig —. drilmeesters, Europeesen - - 8 —. sergeants Corporaals tamboert gemeenen Ziepaijers van Nagapatnam alhier gedetacteerd 1 — —. Europeese vaandrig als Commandant —: „ vaandrigs- 6 — „ sergeants „ „ Corporaalt. - -. 3 „. pijpers en tamboert- - -. Marines, zoo aan land als op de Chialoupen en mindere vaartuijgen. Titulair schipper en Equipagiemeester Lieutent en Equipagie meester... 1 —. sipaise Capitain - - - - boodslieden. . . . . . . . 1 —. „ drilmeetter. - . . .. 197 —. Gemeene - - . . - 2. 4: 3. alhier wesen 1 4. 3 6„ 39 4. 2. 2. 4 2 12 — 2 — 167 . : - - .. . . .— .. . . . . . . — - - . .— — — .. — — — 2. 2. - 8. — 12. — 2. 167. . - — -— - — — - „ . . „ .. . .. - .. ... — 3. 6 9 3. ƒ 197. 1. - - 1. 2 9. 3 ƒ .. .. .. : .. - - .. . . . . . . . — - 1 — .- - ... - . - — - - 1 1. 3: 6 39. — bij be de bet „ —.
English
reservation more less 6 quartermasters 2 coopers 42 sailors 1 master sailmaker. Artillerymen Captain Lieutenant . . .. 1 pyrotechnician 2 extra ordinary pyrotechnicians 3 bombardiers 5 gunners 2 gun-carriage makers 30 assistants Extra Lieutenant . . . - - Medical and surgical attendants. 2 chief surgeons 2 surgeons 5 junior and third ditto Craftsmen — overseer of the house carpenters - - 1 ditto of the shipyard - - - - 5 shipwrights - carpenter 1 chief mandoor 1 glazier and house painter 3 masons 10 smiths 1 brass founder — coppersmith 1 saddler . . and leather dresser 3 house carpenters - - - - - - - - - - — — master over everything - - - - - - . - - 1 gunstock maker present here and actual 1 .- . . .. - . .. . . . .. . .. . . . . . . . - . . . . - 1 8. 22. —. — 2 — --. 4. 1. — . —. —. 1. 1. - 1 — 2. 3. —. — 50. —. 8 . 1 1. 1. — 6. — the according to the establishment according to ..- . . . . . . . . .. - ƒ .- . - - . 4 1. 1. 1. ƒ 1. 1. 12 1 ƒ - -. . - - - - - - - - .- - . - - - .. .. - . . - - . - ƒ —. 1 1. —. 1 6. 2. 1 4 — 1. . - . . . ƒ 1 3. .. . . . . . . . — - — gunstock maker turner with this resolution payment according to the Nabob. blockmakers In Various Services court messenger messenger and bookbinder 1 provost 2 trumpeters land surveyor at Cranganore junior merchant bookkeeper sergeants corporals native drummer soldiers assistant surgeon 1 gunner. 1 assistants at Chettua 1. —. bookkeeper 1 — ensign sergeants corporals. soldiers assistant . 1 assistant surgeon 1 bombardier gunner 1 3 assistants. T: 1 corporal at Aykotta 1 soldier at Porca Eastern Military . ... : 1 sergeant: - 2 corporals. } prisoners of war with the Nabob. — 12 privates native drummer (: prisoners of war with the . 2 46. Sepoys 1— 1. — 1 - . 1 — 2. 2. 1. 24. 2 2 22. 1 .- ƒ - - . - . .. - . . . . —. - ƒ 1. 4. —. - 2: 1. -. —. 12. - -- - - - - 1. — 1. 1. — 68. —. ƒ . - . 4 1 1. 1 2. 1 4 1. 1. 30. - - - . - - - - - . .. - - . - . . .... . . .. . - - - - . : .. 5 - 1 1. 1. - 1 2. 1 1. — reservation more less . .. 2 1 1 1. 1 2. 1. . ensign sergeant corporals privates prisoners of war with the Nabob 1 junior merchant . merchant bookkeeper clerks visitor of the sick assistant surgeon: gunner gunner assistants. ensign sergeants corporal 22 in the town 1. at Great Aywika 1. at Tengapatnam 1 at Calicoilan pass privates such as . . . . .. 26 privates 1 native drummer . . . . . . . . at Calicoilan at Porca 1: bookkeeper - - : 1 bookkeeper honor us the High With which 90. —. 64. according to the establishment at Coilan Sepoys give to and in actual service present here 1 1 2 24. 1 1 3: 1 3 2 26: 1 1 . . ... .. . .. - — — 1 1. 3 2. 1. 6. . 1 2 2 .- .1 - — 1. 2. 1. 1. .ƒ . . . . . - ... . . . . - . .: . - . .. .. . . . . . .. - - .. ...: .. . ... ... .. . . - 1 ... .. . . .. . . : . 1 - - - 24 2 - - reservation more less with the secret . — . . Examined Arrian Pookle expressing that we remain with the utmost respect and high esteem /:was below:/ Right Honorable, Highly Esteemed, Far-Commanding Lords and Honorable Lords Your Right Honors' humble and obedient servants /:was signed/ A: Moens, R: van Harn, S: C: Cassin J: L: van Spael and A: J: S: Vernede /in the margin:/ Cochin the second of January Anno 1777. Agrees. J Annichen C Clerte G No. 2. Right Honorable Highly Esteemed Lord Secret Dispatch written by the Governor Adriaan Moens and Council at Cochin, to Their Honors the High Indian Government at Batavia, under date 28 October 1776. To which the following enclosures belong No. Letter to the Nabob Hyder Ali Khan dated 17 October 1746 2 Translated ola by Sardar Khan dated 28 September 1776 Letter to the Army Commander Sardar Khan dated 30 September 1776 Current Account of the King Zamorin dated the last of August 1776. List of the received Zamorin dues in paddy, and gold fanams dated the last of May 1776 Register of the secret papers to be found in this bundle Letter No. 3 3 No. 2. No. 3 Right Honorable Highly Esteemed Lord Secret Dispatch written by the Governor Adriaan Moens and Council at Cochin, to Their Honors the High Indian Government at Batavia, under date 28 October 1776. To which the following enclosures belong No. Letter to the Nabob Hyder Ali Khan dated 17 October 1776 Translated ola by Sardar Khan dated 28 September 1776 Letter to the Army Commander Sardar 3 Khan dated 30 September 1776 Current Account of the King Zamorin dated the last of August 1776. 2 List of the received Zamorin dues in paddy, and gold fanams dated the last of May 1776 Register of the secret papers to be found in this bundle Letter Letter to the Army Commander Sardar Khan dated 11 October 1776. 7 Translated Canarese letter from Sardar Khan, dated 11 October 1776 Letter to the Army Commander Sardar Khan dated 12 October 1776 Translated ola from Sardar Khan dated 13 October 1776 10 Translated ola from Sardar Khan dated 15 October 1776 Letter to the Army Commander Sardar Khan, dated 16 December 1776 12 Translated ola, from Sardar Khan dated 18 October 1776. Letter to the Army Commander Sardar Khan dated 20 October 1776. 14 Translated ola from Sardar Khan dated 23 October 1776. 15 Translated ola from Sardar Khan dated as above Letter No. 16 Letter to the Army Commander Sardar Khan dated 28 October 1776 Letter to the said Army Commander, dated as above. Translated ola from Sardar Khan 18 dated 24 October 1776. Translated ola from as above 19 dated 25 October 1776. 20 Translated ola from the said Sardar Khan, dated as above. 21 Letter to the Army Commander Sardar Khan dated 26 October 1776. 22. Translated ola from Sardar Khan dated 28 October 1776. 2. Copy of the Secret Dispatch by the Right Honorable Highly Esteemed Lord Governor Adriaan Moens and Council at Cochin, to Their Honors the High Indian Government at Batavia 17 Khan Khan Khan
Dutch transcription
bedanking meer minder 6— quaertiermeesters- 2 — kuijpers 42 — mattroosen 1 —: opperzeijlmaker. Arthilleristen Capitain Lieutenant. . . .. 1 —. vuurwerker 2. —. Extra ordinair vuurwerkers 3 —. bombardiers 5 — Cananiers 2 —. affuijtmakers- 30 — handlangers Extra Lieutenant. . . - - Bediendens van De genees„ „kunde en Chirurgie/. 2 —. oppermeetters 2 — Chirurgijns 5 — onder en derde dito Ambagtslieden —: opsiender der huijstimmerlieden- - 1. —. „ der scheeps timmerwerff - - - - 5. scheepstimmerlieden - timmerman 1 —. oppermandoor 1 —. glasemaker en kladschilder 3 —. metselaars 10 — smits 1 —. geel gieter —. koperslager 1 —. sadelmaker. . „ en leertouwer 3 —. huijstimmerlieden - - - - - - - - - - — —. baas over alles - - - - - - . - - 1. lademaker alhier en wesen 1 .- . . .. - . .. . . . .. . .. . . . . . . . - . . . . - 1 8. 22. —. — 2„ — --. 4. 1. — . —. —. „ 1. 1. „ - 1 — 2. 3. —. — 50. —. 8„ . „ 1 1. 1. — 6. — de scheten ling bij de bepa volgens „ ..- . . . . . . . . .. - ƒ .- . - - . 4 1. 1. 1. ƒ 1. 1. 12 1 ƒ „ „ - -. . - - - - - - - - .- - . - - - .. .. - . . - - . „ - ƒ —. 1 1. —. 1 6. 2. 1 4 — 1. . - . . . ƒ 1 3. .. . . . . . . . — - —„ lademaker draijer bij dese caete betaaling volgens de Nabab. bloekemakers Jn Diverse Diensten geregts boode byde en boekebinder 1 —. geweldiger 2 —. trompetters landmeeter ge Cranganooo onderkoopna boekhouder sergeants Corporaals tamboer Jnlander soldaaten ondermeester 1 Canonier. 1 hand langers je Chettua 1. —. boekhouder 1 — vaandrig sergeants Corponaals. soldaaten assittend . 1: Ondermeester 1 bombardier Cannonier 1 3 handlangers. T: 1. Corporaal te Aijkotta 1 zoldaat te Porca Oosterse Militairen . ... : 1. sergeant: - 2. Couponaals. } krijgs gevangen bij de Nabob. — 12 gemeenen tamboer Jnlander (:krijgs gevangen bij de . 2 46. Zepagers 1— 1. — 1 - . 1 „ — 2. 2. 1. 24. 2 2 22. 1 .- ƒ - - . - . .. - . . . . —. - „ ƒ 1. 4. —. - 2: 1. -. —. 12. - -- - „ - - - 1. —„ 1. 1. —„ 68. —. ƒ „ „ . - . 4 1 1. 1 2. 1 4 1. 1. 30. - - - . „ - - „ - - - . .. - - . - . . .... . . .. . - - - - . : „ .. 5 - 1 1. 1. - 1 2. 1 1. — bedenking meer minder . .. 2 1 1 1. 1 2. „ 1. . vaandrig sergeant Corporaals gemeenen krijgs gevangen bij den Nabob 1 onderkoop man . koopman boekhouder schribenten krank besoeker ondermeester: Constabel Canonier handlangers. vaandrig sergeants Corporaalt 22 in de stad 1. tot groot Aijwika 1. te Jengapatnam 1 „ Calicoilan pesa gemeene als. . . . . .. 26. gemeenen 1. tamboer Jnlander. . . . . . . . je CaliCoilan G Porca 1: boekhouder - - : 1 boekhouder Eere ons de hooge Waar meede 90. —. 64. volgens. de bepaling je Coilan Ziepaijers geven a en in wesen alhier 1 1 2 24. 1 1 3: 1 3 2 26: 1 1 . . ... .. . .. - — —„ 1 1. 3 2. 1. 6. . 1 2 „ 2 .- .1 - — 1. 2. 1. 1. .ƒ . . . . . - ... . . . . - . .: . - . .. . . .. . . . . . .. - - .. ...: .. . ... ... .. . . - 1 ... .. . . .. . . : . 1 - - - 24 2 - -„ bedenking meer niuwir bij de secrete . — . . Nagezien Arrian Pookle geven van met de uijtterste Eerbied en hoog agting te blijven /:onderstond:/ Hoog Edele Groot Achtbaare Wijd ge„ biedende Heere en wel Edele Heeren Uw Hoog Edelheedens onderdanige. en gehoorsame Dienaaren /:was getekend/ A: Moens, R: van Harn, S: C: Cassin J: L: van Spael en A: J: S: vernede /in margine:/ Cochim Den tweeden Januarij Anno 1777. Accordeert. J annichen C Clerte G N: 2. Wel Edele Groot achtb Heer Secreete Missive door den Gouverneur Adriaan Moens en Raad te Cochim, aan Haar Edelheedens de hooge Indiasche Regeering te Batavia geschreven, onder dato 28. october 1776. Waar toe de ondervolgende bijlagen gehoren Brief aan de Nabab Houder Alij Chan No de dato 17. october 1746 2 Translaat ola door Charder Chan de dato 28. September 1776 Brief aan het Leegerhoofd Chardir Chan de dato 30. 7ber: 1776 Courant van den Reekening Koning Sammorijn de dato Ult:o aug:s 1776. Lijst der ontvangene Sammorijnse Geregtigheeden aan Neelij, en Goude fanums de dato Uld:o Meij 1776 Register van de secreete vertapieren in dese bondel te vinden Brief No: 3 3 N: 2. No: 3 Wel Edele Groot achtb Heer Secreete Missive door den Gouverneur Adriaan Moens en Raad te Cochim, aan Haar Edelheedens de hooge Indiasche Regeering te Batavia geschreven, onder dato 28. october 1776. Waar toe de ondervolgende bijlagen gehoren No Brief aan de Nabab Houder Ilij Chan de dato 17. october 1776 Translaat ola door Charder Chan de dato 28. September 1776 Brief aan het Legerhoofd Charder 3 Chan de dato 30. 7ber: 1776 Courant van den Reekening Koning Sammorijn de dato Ult:o aug:s 1776. 2 Lijst der ontvangene Sammorijnse Geregtigheeden aan Neelij, en Goude fanums de dato Uld:o Meij 1776 Register van de secreete sapieren in dese bondel te vinden Brief Brief aan het Leegerhoofd Charder Chan de dato 11: 8ber 1776. 7 Translaat Canareese brief van Charder Chan, de dato 11. october 1776 Brief aan het Leegerhoofd Charder Chan de dato 12. october 1776 Translaat ola van Charder Chan de dato 13. 8ber: 1776 10 Translaat ola van Charder Chan de dato 15. october 1776 „Brief aan het Legerhoofd Charder Chan, de dato 16. xber: 1776 12 Translaat ola, van Charder Chan de dato 18: october 1776. Brief aan het Leegerhoofd Charder Chan de dato 20. 8ber: 1776. 19 Translaat ola van Charder Chan de Dato 23. october 1776. 15 Translaat ola van Charder Chan de dato als eeven Brief N=o 16 Drief aan het Leegerhoofd Charder Chan de dato 28. october 1776 Brief aan Gem: Leegerhoofd, de dato als even. Translaat ola van Charder Chan 18 de dato 24. october 1776. Translaat ola van als even de 19 dato 25. 8ber: 1776. 20 Translaat ola van gem: Charder Chan, de dato als even. 21 Brief aan het Leegerhoofd Charder Chan de dato 26. 8ber 1776. 22. Translaat ola van Charder Chan de dato 28:' october 1776. 2. Copia Secreete Missive door den Wel Edele Groot Achtb: Heer Gou„ „verneur Adriaan Moens en Raad te Cochim, aan haar Edelheedens de hooge Jndiase Regeering te ba„ „tavia 17 an an han
English
Batavia, written under the date 2 January 1777. To which the following appendices belong: 23. Instructions for the skipper of the ship Hoolwerf, Lleien van Der Kuijl, and the military lieutenant Jobst Hendrik Daniel Stipp, going on an expedition to Chettua; dated 10 November 1776. 24. Memorandum of what had to be delivered to Chettua. 25. Letter to the servants at Chettua, dated 10 November 1776. 26. Letter from the skipper of the ship Hoolwerf, dated 13 November 1776. 27. Instructions for the guidance of the Major and head of the militia Jan Hendrik Medeler, as Commander of the expedition going to Cranganoor and Rijkcotte; dated 19 November 1776. 28. Letter to the Nabob Haider Alij Chan, dated 31 October 1776. 29. Translation of a Canarese letter from the Nabob Haider Alij Chan, dated 26 November 1776. 30. Letter to the Nabob Haijder Alij Chan, dated 8 December 1776. 31. Document for the guidance of Isaak Jurion. 32. Letter to the Army Commander Charder Chan, dated 16 November 1776. 3. Copy of a Secret Despatch, written by the Right Honorable Governor at Cochim to the aforementioned Their High Mightinesses at Batavia, dated 2 January 1777. Appendices belonging to this letter: 33. Return of the private trade conducted on account of the Company, dated the last day of August 1776. 4. Copies of Secret Resolutions beginning on 10 October and ending on 28 November 1776. Cochim, 2 January 1777. Secret Batavia. Receipt of Their High Mightinesses' original and duplicate of 6 March. To His Excellency The Right Honorable Jeremias van Riemsdijk Governor-General, together with The Honorable Councilors of the Netherlands Indies. Right Honorable, Mighty Rulers, Honorable Sirs! On 2 September last, we had the honor to receive the duplicate of Your High Mightinesses' respected General Despatch dated 6 March, of which the original was forwarded to us on the 19th of that month via Bombaij and Tellicherij, as the ship Ashburnham did not call here on the coast; together with a circular despatch dated 29 December 1775 and further appendices, from which last despatch we learned to our sorrow of the death of the late Right Honorable Petrus Albertus van der Parra, Governor-General of the Netherlands Indies; but on the other hand, we were met with exceptional joy and gladness by the subsequent election of the Right Honorable Director-General Jeremias van Riemsdijk to that highly important and eminent post. We do ourselves the honor to congratulate His Excellency respectfully and cordially upon this accession, with the wish and prayer that Almighty God may be pleased to support His Excellency, and grant him the necessary health and bodily strength to hold this important and highly distinguished office of honor for a long and prosperous time, to the benefit of the Honorable Company's interests, and to the glory and satisfaction of His Excellency's person, whom we shall acknowledge, honor, respect, and obey as our Lord Governor-General, just as we have also immediately given the necessary notice thereof to the subordinate offices of this Command. We also have the honor to congratulate the Honorable Reinier De Klerk on his elevation to Director-General of India, wishing God's precious blessing upon his person and endeavors. Furthermore, on the 17th of this month, we had the honor to receive Your High Mightinesses' further respected letter of 27 July prior; the orders contained therein we shall allow to serve for our dutiful guidance and observation, and respectfully answer the same, as far as required, in our upcoming General Rescript, since this letter is primarily intended to bring respectfully to Your High Mightinesses' attention how the Company's state and possessions here on the coast have suddenly been brought into dangerous circumstances by an unexpected and hostile invasion of the Nabob Heijder Alijchan's army commander with a corps of 4,000 to 5,000 men into the region of Cranganoor and Chettua. At the end of the month of August last, this general, named Charder Chan, marched with his troops into the northern part of the Kingdom of Cochim, and captured some strongholds, among others Calotta and Tritsjoer, for the reason that
Dutch transcription
de tavia Geschreven onder dato 2=de Januarij 1777. Waar toe de ondervolgende Bijlagen gehoren 23 Instructie voor den schipper van het schip Hoolwerf, Lleien van Der kuijl en den Zuit:t Militair Jobst Hendrik Daniel Stipp, in Expeditie na Chettua Gaande; de dato 10. November 1776. 24 Notitie van 't geen op Chettua moest besorgt worden. 25 Brief aan de bediendens te Chettua de dato 10. November 1776. Brief van den schipper van het den schip Soolwerf, de dato 13den November 1776. E Instructie, tot narigt van den Majoor en hoofd der Mili„ „tie Jan Hendrik Medeler, als Commandant der Expedi„ „tie na Cranganoor en Rij„ den „cotte Gaande; de dato. 19 November 1776. Brief 26 27 N=o Brief aan den Nabab Haider, ster Alij Chan, de dato 31 October 1776. 29. Translaat Canareese brief van den Nabab Haider Alij Chan, de dato 26' sten 9ber: 1776. Brief aan den Nabab Haijder Alij Chan de dato 8 sten December 1776. Isaak Geschrift tot narigt van Jurion Brief aan het Leegerhoofd Charder Chan de dato 16. 9ber: 1776. 3. Copia Mecreete Missive, door den Wel Edele Groot Achtb: Heer Gouverneur te Cochim, aan Welmelte Haar hoog Edelheedens te Batavia de Geschreven, de dato 2 Januarij 1777. Bijla„ 28 31 32 Bijlage tot dese brief gehorende N Rendement van den, voor Reekening van DE Comp: gedreven, Particulieren handel, de dato Ult:o Augustus 1776. Secreete Resolutien be„ Copias „ginnende den 10. ' october en eijndigende den 28. ' 9ber. 17156. Cochim Den 2=de Januarij 1777. 33 4. van de secreet Batavia. Ontfangst van Haar Hoog Edelheed:s origin:e en dup:t van den 6: Maart. Aan zijn Hoog Edelheijd Den Hoog Edelen Groot Achtbaaren Heer Jeremias van Riemsdijk Gouverneur Generaal Benevens, De welEdele Heeren Raaden, van Nederlands India. Hoog Edele, Groot Agtbaare Zwijdgebiedende Heere Wel Edele Heeren! Op den 2: september Jongst leeden, hebben wij de eer gehad te ontvangen, het duplicaat van uw Hoog Edelheedens gerespecteerde Gemeene Missive de dato 6: Maart /:waarvan ons het origineel op den 19: dier maand over Bombaij en Jallicherij is toegezonden, alzoo N=o 1. „sive van den 29: Decemb:r 1775: het overlijden van zijn Hoog Edelheijd van der Parra. de verkiezing van den welEd: Groot Agtb: Heer Directeur Generaal tot Gouverneur Gener=l felicitatie dierweegens. men zal zijn Hoog Edelheijd als zodanig erkennen, eeren, en respecteeren daarvan is ook kennissen gegeven na de buijten Comp„ „toiren. alzoo het schip Ashburnham hier ter Custe is niet benovens en Circulaire mis,„ aangeweest:/ benevens een circulaire missive van den Ven werd 29: Decembr 1775: en verdere bijlagen, bij welke laatste missive ons tot Leedweezen is komen te blijken; het overlijden van wijlen den Hoog Edelen Groot Agtbaare Heer Petrus Albertus vander Parra, Gouver„ Ontf Edel „neur Generaal van Nederlands Jndia, dog daaren 27: „tegen tot bijzondere vreugde en blijdschap voorgekomen de daarop gevolgde verkiesing van den welEdelen Groot Agtb: Heer Directeur Generaal Jeremias van Riemsdip men tot die hoogwigtige en emineute Chargen; wij geeven ons d' eere zijn Hoog Edelheijd met deze optreeding eerbiedig en hartgrondelijk te feliciteeren, met wensch en beede dat God Almagtig zijn Hoog Edelheijd gelieve te willen ondersteunen, en de noodige gezondheijd en Lichaams kragten te verleenen; om dit important en hoog aanszienlijken eere ampt lange en voorspoe„ „digte mogen bekleeden, tot welzijn van de belangens der Edele maatschappij, en tot roem en genoegen van zijn Hoog Edelheijds perzoon, die wij zullen erkennen, eeren, respecteeren en gehoorzaamen als onzen Heere Gouverneur Generaal, zo als wij ten dien eijnde ook immediaat de nodige kennisse daarvan gegeeven hebben aan de „nera antw subalterne aal Aug in ver tens den WelEd: Gr: Agtb: veer de klerk werd gefeliciteert als Di„ „recteur Generaal. Ontfangst van Haar Hoog Edelheed:s missive van den 27: Julij. dik men zal dezelve bij de Ge„ „neraale rescriptie de „antwoorden. de gevaarlijke omstandighee„ hier ter Custen onver„ wagts is geraakt werd bekend gemaakt in de Landstreek van Chettua „n Cranganoor. sNababs Legerhoofd viel in Aug:s met zyne troupes in 't rijk van Cochim. veroverde eenige sterk„ subalterne Comptoiren van dit Commandement Ook hebben wij de eer te vergelukken den wel Edelen Heer Reinier De klerk, met desselvs verheffing tot Di„ „recteur Generaal van Jndia onder toewenschinge van Godes dierbaaren zegen over desselvs perzoon en verrigtingen. Vervolgens hebben wij op den 17: dezer nog de eer gehad te ontfangen uw Hoog Edelheed=s nader geres„ „pecteerde Letteren van den 27: Julij bevoorens; de ordres daarbij vervat, zullen wij tot onze schuldige narigt en observantie laaten strekken, en dezelve, zo verre zulks vereischt, eerbiedig be-antwoorden, bij onze te volgen staande Generaale rescriptie, alzoo deezen principaal gerigt word, om uw Hoog Edelheed=s eer„ „den waarin 's Comp:s bezittig biedig ter kennisse te brengen, hoe 's Comp:s staat en bezittingen hier ter Custen eensklaps in gevaar„ „lijke omstandigheeden zijn gebragt, door een onver„ inval van 's Nababs troupen „ wagten en vijandelijken inval van 's Nabab Heijder Alijchans Legerhoofd met een Corps van 4: â 5000: man in de Landstreek van Cranganoor en Chettua. In het laatst van de Maand Augustus J:t leeden, rukte dezen veldheer, genaamt Charder Chan, met zijne troupen in het noordelijke deel van het Cochimse Rijk, en vermeesterde eenige Sterk„ „tens onder anderen Calotta en Tritsjoer, om reedenen dat tens.
English
Because the Cochin ruler refused to satisfy the demand for money made by the Governor of Calicut. The King of Cochin believed this had occurred without orders from the Nabob. He sent envoys to the Nabob and received good promises. The Governor renewed his demand. This lasted throughout the bad monsoon. The Nabob asked five lakh rupees from the Cochin ruler. The Cochin ruler relied in vain on the good promises of the Nabob. That a considerable sum of 8 lakh rupees had been demanded from the King of Cochin, which the king could not or would not pay; this demand was made by the Governor of Calicut, and the King of Cochin, believing that this was done without orders from the Nabob, sent an embassy regarding this to the Nabob and obtained good promises that he would remain unmolested. Nevertheless, the Governor renewed his demand with the addition of threats; the king again applied through envoys to the Nabob and again received a comforting reply, and this continued throughout the entire bad monsoon until, as aforesaid, the general made the invasion; while a few days before, the king still obtained verbal assurances from the Nabob that he would not be molested, though at that time with the addition that, as he, the Nabob, was in need of money, the king had to send him five lakh rupees. The king, having relied on the good promise of the Nabob, and that he would show consideration toward him on account of the services rendered previously and the contribution given of two lakh rupees, had not made the least preparation for defense, and consequently gave orders to his people simply to surrender the places without resistance, as they indeed did. He gives orders to surrender the places without resistance. The Cochin forces retreat in time to Chenotta. The Travancore and Cochin rulers construct many fortifications in that vicinity. The Cochin envoys are forced to come to an agreement. They must pay one lakh pagodas and four elephants, subsequently 30,000 pagodas annually. The Cranganore ruler must pay 20,000 pagodas and subsequently 5,000 pagodas annually. The Cranganore ruler was summoned to pay during the rainy season. The garrison of Cacolte, consisting of 400 Nayars, was disarmed and taken prisoner, while those of Juitsjoer and others retreated in time to Chenotta on the south side of the Cranganore river, where many fortifications were constructed by both Travancore and the King of Cochin to offer resistance if the Nabob's forces wished to advance further. Meanwhile, the King of Cochin still had his envoys with the Nabob, who had accepted the harsh conditions and made an agreement with the Nabob to pay one lakh Ikkeri pagodas at once within two months, along with four elephants, and subsequently 30,000 pagodas annually, under which contribution the petty Kingdom of Cranganore is also included, which for its share would have to produce 20,000 pagodas now, and subsequently 5,000 pagodas annually; as the petty King of Cranganore was also summoned anew during the rainy season to pay a contribution and was placed under house arrest at his court by pattarees, a kind of clergy or priestly caste, or, as is customary among them, forbidden to eat in order to compel him to satisfy the demanded sum. The Governor has made representations about this to the Nabob and his Governor at Calicut, in order, if possible, to prevent the Nabob from gaining mastery from Cranganore to Chettua. The Nabob did not answer at all. However, there were verbal promises from the Nabob that the Cranganore ruler would be unmolested. The Governor of the Nabob writes that he has orders to demand money from Cranganore. The commissioners had received verbal assurances. Concerning the placing of this petty king under contribution, the first signatory, because that ruler stands under the Company's protection and also because his petty kingdom is situated between our fort Cranganore and the conquest Paponetty, has made representations to the Nabob and to the Governor of Calicut, in order, if it were possible, to prevent the Nabob from obtaining mastery over the territory from Cranganore to Chettua or the Company's possessions; but the Nabob did not answer at all, although he had verbally promised the commissioners who were on a mission to him last year on behalf of the Honorable Company that the petty King of Cranganore would be left in peace and quiet; but the army commander answered the first signatory once, after he had waited a long time and possibly had first written to the Nabob for orders about this, in a polite yet evasive manner, namely that he had orders to demand money from Cranganore, with the added question whether the Governor had written proof that he was not permitted to do so; from which one sees that he certainly [illegible]
Dutch transcription
om reeden den Cochimder den Geld eijsch van den Gouvern=r van Calicoet weigerde te voldoen. de Cochimse koning meende zulx buiten ordre van den Na„ „bab geschied te zijn. zend zendelingen aan den„ „loften. zijnen Eijsch. mousson door. den Nabab vraagt van den den Cochimder vertrouwt te vergeafs op de goede beloften van den Nabab. dat van den Cochimsen koning eene Considerabele somma van 8: Lak ropias was ge-eischt, die de koning niet konde of wilde betaalen; deze eijsch was geformeert door den Gouverneur van Calicut, en de Cochimse koning meenende, dat dit buijten ordre van den Nabab was gedaan, deed daarover een bezending „zelven en klijgt goede be, aan den Nabab, en bekwam goede beloften, van onge„ „molesteerd te zullen blijven, dog des niet tegenstaan„ den Gouverneur vernieuwt „ den, vernieuwde de Gouverneur zijnen Eisch onder bijvoeging van drijgementen; de koning vervoegde zig weder door zendelingen bij den Nabab en kreeg weder dit duurde de geheele quaad vertroostend antwoord, en dit heeft zo de geheele kwade mousson geduurt, tot dat, als voorzegt, den veldheer de inval heeft gedaan; terwijl wijnig dagen te vooren, de koning, van den Nabab nog mondelinge verzeekeringe erlangde, dat Hij niet zoude werden gemolesteerd, dog als toen, onder Coohimder vijf Lak ropijen. bijvoeging dat Hij Nabab om geld verleegen zijnde den koning hem vijf Lak ropias moeste zenden De koning vertrouwt hebbende op de goede delofte vanden Nabab, en dat Hij Consideratie met hem zoude gebruiken, uijt hoofde van de be„ „voorens beweezene diensten, en gegeve Contributie van twee Lak Rop:s, had geen de minste preparatie gemaakt tot tegenweer, en heeft derhalven aan de geeft ond zonder „geeven 8. den „c t de genood tot moeten vier El vervolgens pagooden de Crang Vervolg pagood den Caan reegen somma geeft ordre om de plaatsen zonder tegenstand overte„ „geeven. de Cochimse retireeren bij tijds na Chenotta. „chinder werpen daarom„ „streeks veele versterkingen de Cochimse zendelingen werden genoodzaakt tot een accoord tekomen. moeten een Lak pagooden en vier Eliphanten betaalen. vervolgens Jaarlijks 30'000: — pagooden. de Cranganoorder 20'000: en vervolgens Jaarlijks 5000: — pagooden. den Caanganoorder wierd in de sommeert. de zijne ordre gegeven, om de plaatzen maar zonder tee„ „genstand overtegeeven, zo als dezelve ook hebben gedaan, werdende de bezettinge van Cacolte, bestaande uijt 400: Naijros ontwapend en gevangen genomen, terwijl die van Juitsjoer en andere zig bij tijds retireerden na chenotten aan de zuijdkant van de Cranganoorse re„ den Trevancoorder en Co„ „vier, alwaar zo wel door Crevancoor als de koning van Cochim veele versterkingen wierden gemaakt, om tegenstand te bieden, indien de Nababse verder wilden gaan; maar intusschen had den Cochimsen koning zijne zendelingen nog bij den Nabab, welken de harde Condities hadden aangenomen en een accoord met den Nabab gemaakt, van een Lak Jkerise pagooden, eens, binnen twee maanden te betaalen met vier Eliphanten, en vervolgens Jaar„ „lijks 30'000: pagooden, onder welke Contributie het Cranganoorse Rijkje mede begreepen is, dat voor zijn aandeel zou moeten opbrengen 20'000: pagoden tans, en vervolgens Jaarlijks 5000: pagooden, alzoo reegen tijd tot betaaling ge „ het Cranganoors koningje in den reegen tijd ook op nieuw tot betaaling van Contributie gesom„ „meerd en door pattareezen /: een zoort van Geeste„ „lijken of priesterlijk geslagt:/ aan zijn Hoff als ge-arresteert, of zo als bij Hun in gebruijk is, het eeten a op. „ de Gouverneur heeft daar„ over bij den Nabab en zijn Gouverneur te Calicoet gedo„ „leert. — om was het mogelijk te ver„ „hoeden dat den Nabab geen meester wierd van Caan„ „ganoor tot chettua. den Nabab antwoorde in 't gehael niet. egter mondelinge boloften van den Nabak dat den Cran„ „ganoorder ongemolesteerd zoude zijn. de Gouvern:r van den Nabab schrijft dat wij ordre heeft om geld van Eranganoor ten vraagen. eeten verbooden is geworden, om hem tot de voldoening der ge-eischt somma te verpligten. Over het onder Contributie stellen van dit koningje, heeft de Eerstgeteekende, om dat wij onder 's Comp:s protectie staat, en ook zijn Rijkjen tusschen ons fort Cranganoor en het Conquest Paponettij geleegen is, bij den Nabab en bij den Gouverneur van Calicout gedoleert, om, was het mogelijk, te verhoeden, dat de Nabab geen Meesterschap op de landstreek van Cranganoor tot Cheltua of 'sComp: Bezittingen mogte krijgen; maar den Nabab ant„ „woorde in het geheel niet, hoewel Hij aan de Gecom„ de Gecommitteerd:s haden „ mitteerdens die voorleeden Jaar bij hem van we„ „gens d'E: Comp: in Commissie geweest zijn, monde„ „ling had beloofd, dat het Cranganoors koningje in rust en vreede zoude werden gelaaten; dog het Legerhoofd heeft den Eerstgeteekende eens, na dat Wij lange gewagt en mogelijk daarover eerst na den Nabab, om ordre geschreeven had, op eene beleefde„ dog draaijende, wyze g'antwoord, namendlijk dat hij ordre had, om Geld van Cranganoor te vraagen, met bijgevoegde vraagen of de Gouver„ „neur schriftelijke bewijzen had, dat Hij zulx niet mogt doen; waaruijt men ziet, dat hij wel voor men den ordre van goed d „ had heeft zijn dog ge men hoofd in het rukken dog „tuss ge den moet zulx g
English
It is therefore thought that he must have had valid orders from the Nabab, and that this was a course of action just like the one the Nabab and his Governor maintained toward the King of Cochin. When this petty king finally resolved to disregard the arrest by the Pattarees and to eat despite their prohibition, the Pattarees departed under the threat that the Nabab would take this as an insult. The petty king nevertheless remained unmolested, but could not be persuaded to remain in his little realm, intending to take flight elsewhere. However, he was prevented from doing so, because that would only have hastened the arrival of the Nabab's forces, although it was certainly to be feared that as soon as the army commander had advanced across the river to Cranganore, he would also, against all our protests, march into the Cranganore territory. But since in the meantime the agreement had been made by the King of Cochin in such a manner that the King of Cranganore must also contribute to that sum, this was allowed to pass unnoticed, because it was clearly seen that the Nabab, with whom this agreement was made, would not desist from it. Meanwhile, the Paliath Achan made every effort in the world to gather money for the payment of the first installment, and the Nabab's army commander promised to leave the invaded lands of the King of Cochin and to withdraw, as he also did immediately. Thus we flattered ourselves that through this concluded agreement, the Nabab's troops would march back to Calicut, and rest and peace would be restored again, at least for a time; for one cannot reasonably expect such for any longer from this all-coveting and powerful neighbor. But that we were mistaken in this soon became apparent, as we had to experience the contrary, namely that as soon as the King of Cochin had submitted, the Nabab or his army commander began to seek quarrels against the Company. For on September 28, the first-undersigned received an ola from the Nabab's army commander, in which he demanded proof and accounts of the sandy land, under the threat of otherwise devastating the land. We could not understand this otherwise than that he demanded the accounts and proof of the few lands that were taken into sequestration by us from the Zamorin in the year 1762, and whose revenues are collected by the Honorable Company to settle his debt, since by the sandy land one always understands here the district between Chettua and the Company's conquest of Paponetty. And thereupon we sent a list of the annual collections and an account of debit and credit of the Zamorin, as proof that that prince was still in arrears for a sum of 6202 9/48 Rupees. This ola was dispatched from here on the 30th of the aforementioned month of September. But instead of corresponding further with us about this, the army commander with his troops, being abreast of Chettua on his march back, suddenly and unexpectedly crossed the river and advanced onto the territory of Chettua. For on the 10th of this month we received word from the Chettua officials that the Nabab's troops, having arrived at Poelicarro, immediately marched upon Chettua and were encamped near that fortress. The interpreter and scribe there, both of whom the Resident had sent to them one after the other to learn what their desires were, they took prisoner, and demanded from the Chettua officials twenty
Dutch transcription
men denket dus dat wij ordre van den Nabab gen„ „had heeft. de Cranganoorder wil uijt zijn rijkje vlugten. dog wierd daarin tegen gehouden. men dugte wel dat het Leger„ in het Cranganoorse zoude rukken. „tusschen het accoord had gemaakt den Cranganoorder mede moest contribueeren is zulx ongemerkt gepasseerd goed ordre van den Nabab zal gehad hebben, en dat het eene handelwijze is geweest, even als de Na„ „bab en zijn Gouverneur omtrend den Cochimsen koning hebben gehouden. Dit koningje eijndelijk resolveerde het ar¬ „rest van de Pattareezen niet te agten, en tegen hun verbod maar te eeten, zo vertrokken de Pattaree„ „zen onder bedreiging, dat den Nabab dat zoude opneemen als een affront; het koningje bleef egter ongemolesteerd, maar kon niet bewoogen. werden, om in zijn Rijkje te blijven, van zints zijnde de vlugt na elders te neemen; dog waarin men hem heeft tegen gehouden, omdat het de komste van de Nababse maar zoude hebben verhaast, hoofd lagen alle protestaties schoon het wel te dugten was, dat zo dra het Leger„ „hoofd aan de overkant tot Cranganoor geadvan„ „ceert zou zijn, Hij ook tegens alle onze protesta„ „ties aan, in het Cranganoorse zoude rukken; de dog dewijl den Cochimder in„ dog dewijl intusschen door den Cochimsen Koning het accoord in diervoegen gemaekt was, dat den Cranga„ „noorder mede tot die somma moet Contribueeren, zo heeft men zulks als ongemerkt laaten passeeren, om dat men wel zag dat de Nabab, met wien dit accoord zelfs gemaakt was, daarvan niet zoude de Paljetter doed alle moeite om geld bij malkander te krijgen. terug met zijn volk. men vleijde zig dat door dit accoord de rust en vreede zoude zijn herstelt. „zig. „gist. — 's Nababs Legerhoofd begeerd reek: van het zandigland tot chettuan. zal anders het Land ver„ woesten. zoude afzien. De Paljetter deed intusschen alle moeite van de wereld, om geld tot de betaaling van het eerste termijn bij malkander te krijgen, en 's Nababs Leger„ „hoofd beloofde, de ge-invadeerde Landen van den Cochim„ ' Nababs Legerhoofdtrkt „der te verlaaten en terug te zullen trekken, gelijk Hij ook daadelijk deed; dus vlijden wij ons, dat door dit getroffend accoord, 's Nababs troupes weder na Calicout zouden afmarcheeren, en de rust en vreede weder werden hersteld, ten minsten voor een tijd, want langer kan men zulks, met reeden, van dien al begeerenden en magtigen nabuur niet dog men heeft hierin ver verwagten; dog dat wij ons hierinne hebben vergist, bleek wel haast, alzoo wij het Contrarie hebben dat moeten ondervinden, namendlijk (zo dra de ko„ „ning van Cochim zig onderworpen had, den Nabab„ of Desselvs Legerhoofd, querellen tegens de Comp: begon te zoeken. Want den 28: september ontving de Eerst„ „geteekende een ola van 's Nababs Legerhoofd, waer„ „bij den zelven begeerde bewijs en reekeningen van het zandigland, onder bedreiging het Land anders te zullen verwoesten; wij konden hieruijt niet an„ „ders begrijpen, of wij begeerde de reekeninge en en bewijs men „questra van de menhef gezonden sam Het Lege zijne t „wagts chittua Zelanden scriba 9 „questratie genomen landen men heeft een Lijste daarvan gezonden ten blijke dat den sammorijn tequaat is. zijne troupen op het onver„ „wagts, over de revier van chittua. ze landen op Poelicarro en marcheeren vervolgens na Chettua. nemen 'sComp:s Jolk en scriba gevangen. men meender dat het dinsen „ bewijs van de wijnige Landen, die bij ons van den Sam„ van den sammorij betoof. „ morijn in Anno 1762: in sequestratie zijn genomen en welkers inkomsten bij d' E Comp: werden ingevor„ „dert, ter vereffening van desselvs debit, dewijl men hier altoos door het zandigland het district tusschen Chet„ „tua en 's Comp:s Conquest Paponettij verstaat en wij zonden daarop een Lijste van de Jaarlijkse invor„ „deringe en een reekening van Debit en Credit van den Sammorijn, ten blijke dat dien vorst nog te„ „quaat stond eene somma van 6202 9/48: Rop:s; deze ola is den 30: der evengemelde maand 7ber: van hier gede„ „pecheert, dog in steede van hierover verder met ons Het Legerhoofd komt met te Correspondeeren, is 't Legerhoofd met zijne trou„ „pen in zyn terug mansch op de hoogte van Chettua„ zijnde, eensklaps en op het onverwagts de rivier over„ „gekomen, en op de Landstreek van Chettua getrokken; want den 10: dezer kreegen wij van de chettuase Bediendens berigt, dat de Nababse troupen op Poelicarro gekomen, onmiddelijk na Chettua opge„ „trokken, en bij die fortresse geleegerd waaren; den Tolk en scriba aldaar, welke beide de Resident de een na den ander bij hen had gezonden, om te verneemen wat hun begeeren was, namen ze ge„ „vangen, en begeerden van de chettuase Bediendens twintig