Inventory 10402
Malabar · 438 pages · 84 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
271 The 22nd of August In The city of Cochin Anno 1774: Van Tongeren sent an ola to the Sarwadiacariaren of Mangatty concerning the arrest of three Christians of Verapoly, and the plundering of their houses, see the draft here be- low. Draft ola written by the First Interpreter van Tongeren to the Sarwadiacariaren of Mangat- ty, dated the 22nd of August 1774: Upon Your Honour's complaint that a certain Nair of Mangat- ty, together with a Pulaya maidservant, had gone to Cochin and had themselves baptized there, from where, taking up their residence at Castella, joined with some Christians, they went to Mangatty by night and at un- seasonable hours and seized some Pulaya slaves there, my Illustrious supreme commander immediately sent orders to the native officers of Castella to apprehend those scoundrels and bring them here into the city; just as they have already brought in the Nair who became a Christian, along with another of his accomplices, who have also been clapped in irons, while the others who saved themselves by flight are still being watched for, so that when overtaken they will receive their just deserts, as the intention of His Right Honourable the Governor is to strictly comply with The 22nd of August In The City of Cochin Anno 1774: and observe the agreements that have been made concerning this matter. Yet His Right Honourable yesterday received complaints from the Christians of Verapoly that Your Honour had sent some Nairs to the houses of three Christians residing there, who arrested the said Christians by force and carried them away, after first having plundered the goods from the houses. A matter that seems very strange to His Right Honourable, for if the Christians had transgressed in any way, Your Honour could have addressed His Right Honourable, who would have administered proper justice upon the complaints that Your Honour had brought forward. Therefore, Your Honour was hereby requested to send those Christians here, along with the charges against them, whereupon His Right Honourable, after examination of matters, shall dispose as accords with equity. God preserve Your Honour. Subscribed: Thus translated into Malayalam by me, Cochin, date as above. Signed: P. V. Tongeren, sworn trans- lator. The 25th, Thursday, the First Interpreter van Tongeren received an ola from the Sarwadiaca- riaren 273 The 25th of August In The City of Cochin Anno 1774: of Mangatty concerning the matter men- tioned above, here recorded. Translation of an ola written by the Sarwa- diacariaren of Mangatty to the First Interpreter van Ton- geren, received the 25th of August 1774: I have received, read, and understood the contents of Your Honour's ola, whereby I saw that upon my complaint made that a certain Nair of Mangatty, together with a Pulaya maidservant, had gone to Cochin and had themselves baptized there, from where he, together with some Christians, came to Mangatty by night and carried off some Pulaya slaves from there to Cochin; His Right Honourable has sent orders to apprehend those evildoers, just as some of them have been caught and clapped in irons, while the others are still being watched for so that when overtaken they will receive their just deserts. I am exceedingly satisfied with that re- ceived satisfaction. As regards Your Honour's writing concerning my having three Christians of Verapoly apprehended and their houses plundered, and that I should release them and make restitution for what was taken away, I must The 25th of August In The city of Cochin Anno 1774: reply to Your Honour that since the Christians are unwilling to pay the dues, that matter has been negotiated and settled at Cochin, as Your Honour well knows, and therefore I had the gardens and houses of the same attached; the Christians have violated those attachments and committed violence against the people sent out, by drawing broadswords and wounding them, for which reason I had two Christians seized, and I still hold them under arrest; they are unwilling to pay the King's dues and commit violence against the people sent out, which is very difficult to endure. The Christian Poecha Canen barkij has stolen several head of cattle from the inha- bitants, of which he sold a part and slaughtered the other part; the Christians do not want to pay the King's dues, nor relinquish the lands, upon receiving their benefice and Canna-money, for which reason the owners of the land have taken some goods from them, but I have not had any violence committed against them, and when they yield to reason and are willing to pay what is equitable, I shall see to it that the owners of those lands will give satisfaction for what was taken away, and that they thus 275 The 25th of August In The City of Cochin. — be released from their arrest. May Your Honour please to make all this known to His Right Honourable. Signed by the Sarwadiacariaren aforesaid. Sub- scribed for the translation, Cochin, date as above. Signed: S. V. Tongeren, sworn trans- lator. Thereupon a reply ola was immediately dispatched to the Sarwadiacariaren of Mangatty, see the draft below. Draft ola by order of the Right Honourable Lord Adri- aan Moens, Councillor Extra- ordinary of the Dutch East Indies, as well as Governor and Di- rector of the Coast of Malabar, Ca- nara, and Vingurla, written by the First Interpreter van Ton- geren to the Sarwadiaca- riaren of Mangatty, the 25th of August, anno 1774. I have received Your Honour's ola and made its contents known to my Illustrious supreme commander, the Right Honourable Lord Governor, whereupon His Right Honourable has ordered me to answer Your Honour that the Anno 1774. questi
Dutch transcription
271 Den 22: Augustus In De stad Fochim A=o 1774: Iongeren een ola aan den Sapwadiacariaren van mangattij over het arresteeren van drie Christenen van warapolij, en het spoljeeren ven hunne huijsen vide het concept hier be„ „neden Concept ola door den Eerste tolk van Tongeren, aan den Sarwadiacariaren van mangat„ tij gesz: den 22:' aug: 1774:— Op uEd: klagte, dat zeker naijro van mangat„ „tij nevens een Poelijase meijd na Cochim zoude ge„ gaan en zig aldaar hebben laten doopen, van waar hunne verblijf op Castella nemende, gecon„ „jungeert met eenige Christenen bij nagt en ontij„ „den op mangattij zijn geweest en aldaar eenige Poeljasse slaven hebben opgevat, heeft mijn Jllustre oppergebieder, ten Eersten ordre naar de Jnlandse offecieren van Castella gesonden, om die booswigten op te vatten en hier in de stad te brengen; gelijk zij reets den Christenen gewor„ „den naijro met nog een van zijne Complicen hebben opgebragt, die in de ketting ook gekloncken zijn, werdende de andere die met de vlugt gesal„ „veert zijn, nog al opgepast om bij agterhaling loon na werken te genieten, alsoo de Jntentie van zijn wel Ed=le groot agtb: is om stipt naar te komen Den 22 Augustus In De Stad Cochim A=o 1774: komen en te observeeren de verbintenissen die desen aangande gemaakt zijn. Dog zijn wel Edele groot agtb: heeft gisteren klagte bekomen van de Christenen van warapolij, dat uEd=e eenige rayrosse soude gesonden hebben ten huijse van drie Christenen aldaer woonagtig, die gem: Christenen met geweld g'arresteerd, en weg gevoert hadden, naar alvoorens zijnde goederen van de huijsen g' plundert hadden Een zaak die zijn wel Ed groot agtb: seer vreemd voorkomt want soo de christenen iets mogte gepecceert hebben, dan hadden uw Ede zig konnen addres¬ seeren bij zijn wel Ed groot agtb dan goed regt zoude gedaan hebben, op de klagte die uEd=e voorgebragte hadden, dierhalven wierd uE=e bij desen versogt, om die Christenen hier te senden, met de stukken ten haren las„ „te, wanneer zijn wel Ed=e groot agtb: na Exa„ minatie van zaken, sodanig zal disponeeren als met de billijkheijd overeen komt, god bew: uw Ed=e /onderstond:/ zoodanig door mij in het mallabaars overgeset Cochim dato als boven /:was getekent:/ P: V: Tongeren geswoore trans„ lateur _=o 25 _=o Donderdag ontfing den Eerste Tolk van Tongeren een ola van den Sarwadiaca„ viaren H 273 Den 25 Augustus In De Stad Cochim A=o 1774 riaren van mangattij over de zaak hier voor- en gem: hier consteert Translaat ola door den Sarwa„ „diacariaren van Mangattij gesz: in aan den Eerste tolk van Ton„ geven ontf: den 25. ' aug: 1774:— UEd: ola heb ik ontf: geleesen en dies Jnhoud ver„ staan, waar bij ik zag, dat op mijn gedaane klagte dat zeker naijvo van mangattij nevens een poeliase meijd na Cochim zoude gegaan, en zig aldaar hebben laten doopen, van, waar hij nevens eenige Christenen op mangattij bij nagt quam en van daer Eenige Poeliassen slaven naar Cochim weg voerde; zijn wel Ed: Groot agtb: ordre heeft gesonden om die quaad doen„ ders op te vatten, gelijk daer eenige van zijn agterhalen en in de ketting-geklonken, werden„ „de de andere nog al opgepast om bij agterhaaling loon na werken te genieten. Ik ben ten uijttersten voldaan, over die beko„ mene satisfactie; wat belangt uEd: Schrijvens, wegens dat ik drie Christenen van warapollij souden hebben laten opvatten, en hare bruij„ sen spoljeeren, en dat ik die soude largeeren en vergoeding doen van het afgenomene, moet l Den 25 Augustus In De stad Cochim A=o 1774: moet jk uEd daar op antwoorden, dat nademaal de Christenen onwilling zijn de geregtigheijd te betaalen, die zaak op Cochim is verhan„ „delt en vast gesteld gelijk uEd zulx wel weet, daarom heb ik de thuijnen en huijsen van desel¬ „ve laten arresteeren; de Christenen hebben die arresten gevioleert en geweld gepleegt tegens het uitgesondene volk, door het uijttrecken van hou„ „wers en quetsen derselven, waeromme, ik twee Christenen heb laten vatten, en houde deselve als nog in arrest; zij zijn onwillig om s' konings Geregtigheijd te betalen, en pleegen Geweld tegens het uijt gesonden volk, het geen seer moeijlijk is om te verdragen, den Christen Poecha Canen barkij heeft verscheijde koebeesten van de Jnwoon„ waar „ders gestoolen, vaz van hij een gedeelte verkogt en het ander gedeelte geslagt heeft; de Christenen willen 's konings geregtigheijd niet betalen, nog afstand doen van de landerijen, mits ontfangen„ de haere benefitie en Canna-geld, waaromme de Eijgenaars van het land Eenige Goederen van haer afgenomen hebben, maer ik heb geen geweld tegens haer laten pleegen, en wan¬ neer zij de Reeden plaatsgeven en betalen Willen wat billijk is, zal ik besorgen dat de Eijgenaers van die landereijen satisfactie van het afgenomene geven zullen; en zij dus (uijt 275 Den 25 Augustus In De Stad Cochim. — uijt hun arrest gesteld werden uEd=le believe dit alles aan zijn uEd: groot agtb: bekent te ma„ „ken getl:/ bij den sarwadiacariaren voorm: /:onder„ stond voor de Translatie Cochim dato als boven was getekend S: V: Tongeren geswoore Trans„ lateur Daar op is ten Eersten een antwoord ola afgegaan aan den Sarwadiacariacaren van Mangallij vide het Consept hier beneden. Concept ola ten ordre van den wel Ed Groot agtb: heer Adri„ „aan Moens, Raad Extra ordinair van neederlands Jndia¬ mitsgaders gouverneur en Di„ recteur der Custe mallabaar, Ca„ nara en Wingurla, gesz: door den Eerste tolk van Ton„ „geren, aan den sarwadiaca„ viacaren van mangattij, den 25 aug: anno 1774 Ik heb uld ola ontfangen en dies inhoud aan mijne Jllustre oppergebieder den welEd: Groot agtb: Heer gouverneur bekent gemaakt, waar op zijn wel Ed Groot agtb: mij g'ordon„ „neert heeft, uEd=e te antwoorden, dat de A=o 1774. questi
English
Cochin The 25th of August In the City question of the payment of the dues of the Christians in that country has not yet been decided, that His Honourable Right Worshipful having proposed, during the conference held with the sarvadhikaryakaren Kumara Chembaga Raman and your honour, to validate the old arrears of the Christians, the said sarvadhikaryakaren answered that he would inform his master the king thereof, that His Honourable Right Worshipful thereupon requested a nominal list of the Christians with an indication of how much is claimed from each per year and how many years they are in arrears; that His Honourable Right Worshipful having recently received that list, gave orders to examine that matter, which they are currently still engaged in; because His Honourable Right Worshipful, intending to settle that matter once and for all to the mutual satisfaction of both parties, intends, as soon as the examination has taken place, to write further about this to your honour's master the King of Travancore; that His Honourable Right Worshipful is therefore very surprised how your honour, through such a misunderstanding, could have been so premature and imprudent as to immediately demand the dues from those Christians, and, what is even Anno 1779 277 The 25th of August In the city Cochin is even the worst of all, to seize their houses and gardens, as well as to arrest three persons and place them in custody; an undertaking from which great consequences might arise, and which might very easily give occasion for this dispute, which His Honourable Right Worshipful would so gladly see resolved once and for all, to remain unsettled; therefore His Honourable Right Worshipful expects the said Christians here, in order to investigate the matter and punish them for the theft of cattle; and His Honourable Right Worshipful hopes that your honour will be more prudent in the future, so as to give no further occasion for great difficulties and accountability, since such conduct towards the native Christians resembles violence rather than propriety. Below stood: translated by me into Malabar Cochin date as above. Was signed: P. van Tongeren, sworn translator. The 26th ditto, Friday, there was translated here an ola from the King of Cranganore addressed to the gentlemen commissioners, concerning complaints against the Resident of Paponetty, as Anno 1779 The 26th of August In the City Cochin as appears below: Translation of an ola written by the King of Cranganore to the gentlemen commissioners who arrived at Paponetty to hold the tax farming, written approximately the 26th of August Anno 1774: No longer being able to endure the hostilities which the Resident of Paponetty continually commits against us and our subjects, as well as the insults he inflicts upon us, item the extortion of money and plundering of the palaces etc., we have sent our envoys with olas to him and requested him to cease those improprieties, but all these representations found no hearing with the Resident, on the contrary, those vexations increase more and more from day to day, so that we were forced to submit our grievances to the Honourable Right Worshipful Lord Governor, from whom we received an answer that His Honourable Right Worshipful would give the required orders to your honours in order to Anno 1779 279 The 26th of August In the City Cochin Anno 1774 in order to examine that matter. Upon your honours' arrival at Paponetty we sent our karyakkars Ramaneltje Itti Raricha Menon and Torenetty Ramen with the inhabitants, but when they arrived there, the Resident began to revile them to such an extent that they retreated from there out of fear, and we do not doubt that your honours will also have heard this, and as soon as your honours stepped into the vessel, the Resident had the Nair muller Itti Kanda seized and beaten by three lascars, saying: go now and complain to the noble lord. In former times, whenever the Resident of Paponetty undertook any unjust matters, we used to give notice thereof to the gentlemen commissioners, who always accommodated the matter. We request your honours please to make all this known to His Honourable Right Worshipful and to arrange that we may appear before His Honourable Right Worshipful with our subjects, in order to discuss the hostilities of the Resident in person with His Honourable Right Worshipful. The Resident of Cranganore is fully aware of what has occurred here from time to time. Signed at his court. Below stood for the The 26th of August In the City Cochin Anno 1774 the translation Cochin date as above. Was signed: S. van Tongeren, sworn translator. His Honourable Right Worshipful further received an ola from the King of Cranganore, containing further complaints against the Resident of Paponetty, see the translation below: Translation of an ola written by the King of Cranganore to the Honourable Right Worshipful Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla, received the 26th of August 1779: Upon our submitted grievances and those of our subjects, it pleased Your Right Worshipful to answer us that your honour would give orders to the commissioners who were about to go to Paponetty to hold the paddy tax farming, in order to examine those complaints and do justice to the inhabitants. On the day of the harvest festival, the commissioners arrived at Cranganore
Dutch transcription
Cochim Den 25 Augustus In De Stad questi van de bataling der geregtigheijd van de Christenen aldaar te lande, nog niet gedecideert is, dat zijn wel Ed groot Agtb: bij de Conferentie„ gehouden met den sareradiacariaren Coemara Chembaga Rama en uEd voorgeslagen hebben¬ de, om de oude agterstallen van de Christenen te valideeren, gem: sarwadiacaria caren g'ant„ woord heeft, dat hij zijn meester den koning daar van zoude kennisse geven, dat zijn welEd groot agtb: daar op verzogt heeft om een naam lijste van de Christenen met bekent stellin„ „ge hoe veel van ider in het Jaar gepreteendeert word; en hoe veel Jaaren zij ten agterenstaan¬ dat zijn wel Ed groot agtb: die lijste onlangs ont„ fangen hebbende, order gesteld heeft, om die zaak te Examineeren, waar meede men als nog bezig is; om dat zijn welEd: groot agtb: om die zaak eéns tot weeder tijds genoegen te vereffenen voorneemens is, om zoo dra de Examinatie geschied is, daar over nader aan uEdle meester den koning van Trevan¬ „coor te schrijven; dat zijn wel Ed=le groot agtb: derhalven zeer verwondert is, hoe dat uEd: door zo een misverstand, zo prema„ tuur en onvoozigtig heeft kunnen zijn, om al ten eersten de geregtigheijd van die Christenen te laten vorderen, en dat nog Ao 1779 277 Den 25 Augustus In De stad Cochim nog het slimste van al is, hunne huijsen en thuijnen te arresteeren, mitsgaders drie perzoonen op te packen, en in hegtenisse te„ stellen; eene onderneeminge daar groote gevol„ gen uijt zoude kunnen gebooren worden, en die veel ligt aanlijdinge zoude kunnen ge„ „ven, dat dit verschil, het geen zijn wel Ed groot agtb: zo gaarne eens uijt de wereld wilde heb„ „pen, onafgedan zoude blijven; derhalven ver„ wagt zijn wel Ed groot agtb: gem: Christenen herwaards, ten eijnde de Zaak te onderzoeken en hun voor het steelen van koebeesten te straffen; en zijn wel Ed groot agtb: hoopt dat uw Ed: in den aanstande voor zigtiger Zal zijn, om niet meer aanlijdinge te geven, tot groote moeijlijkheeden en verantwoordinge, dewijl zoodanig een gedrag, omtrent de inland„ se Christenen eerder na geweld als na win„ „delijkheijd gelijkt /:onderstond:/ door mij in het mallabaars overgeset Cochim dato als boven /:was getekent P: v: Tongeren geswoore translateur _ 26. v=o Vrijdag is alhier overgezet een ola van den koning van Cranganoor aan de Hee„ „ren gecommitteerdens gerigt, rakende klag„ „ten tegens den Resident van Paponettij als A=o 1779: Den 26 Augustus In de Stad Cochim als hier onder blijkt Translaat ola door den ko„ ning van Cranganoor, aan de Heeren gecommitteerdens die op Paponettij zijn gekomen om de verpagting te houden gesz: onef: den 26. ' augustus anno 1774: De hostiliteijten die den Resident van Paponettij bij continuatie tegens ons en onse onderdanen pleegt, mitsgaders de affronten die hij ons aandoet, Item de Geld afpersing en plundering der Palleijsen &=a, niet langer konnende verdragen, hebben wij onse afsendi„ „lingen met olas bij hem gesonden en den„ selven laten versoeken, om met die onheb„ „belijkheeden op te houden, maar alle die Re„ presentatien hebben geen gehoor bij den Resident Erlangs ters Contrarie acressee„ meer „ren die vexaties van dag tot dag en meer, dat wij genoodsaakt zijn Geweest, onze beswar„ nissen te doen aan den wel Ed groot agtb: heer Gouverneur, van wien wij antw: beko„ men, hebben, dat zijn welEd: groot agtb: de vereijschte ordres aan uwEd souden geven om A=o 1779: 279 Den 26:' Augustus In De Stad Cochim A=o 1774 om die zaak te Examineeren, wij hebben met uw Ed: komste te Paponettij onse Ra„ „giadoors Ramanelte Itti Raritja me„ non, en Torenettij Ramen met de Jn„ gesetenen gesonden maer toen zij daar quami begon den Resident op deselve zoodanig te schelden dat zij uijt vreese daar van dan zijn geretireert en wij twijffelen niet off uwEd zullen zulx ook gehoort hebben, en zoo dra uw Ed in het vaartuijg zijn gestapt, heeft den Resident den naijromoelloer Itij Canda door drie lascorijns laten op vatten en slaan, zeggende gaat nu naar de Edel heer klagen; Jn oude tijden wanneer de Resident van Paporiettij, eenige onbillijk zaken onder 1 nemen, plagten wij daer kennisse van te„ geeven aan de Heeren Commiteerdens die de zaak altijd g'accommodeert hadden, wij ver„ soeken uw Ede dit alles aan zin wel Edle groot agtb: Gelieve bekent te maken en te besor„ gen, dat wij bij zijn wel Ed=e groot agtb: mogen verschijnen met onze onderdanen, om de hos„ tilitijten van den Resident in persoon aan zijn welEde. groot agtb: te mogen onderhouden, den Resident van Cranganoor is ten over„ vloede bekent, wat hier van tyd tot gepas„ seert is get/ bij zijn hot onderstond voor de Den 26: Augustus In De Stad Cochim A=o 1774: de Translatie Cochim dato als boven /:was gete„ kent:/ S: V: Tongeren geswoore Translateur Nog ontfing zijn wel Ed=le groot agtb: een ola van den koning van Cranganoor, behelsende nadere klagten, tegens den Resident van Pa„ ponettij vide het translaat hier beneden Translaat ola door den koning van Cranganoor gesz: aan den wel Ed=e groot Agtb: Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van neder„ „lands Jndia, mitsgaders gouver„ neur en Directeur der Custe mallabaar, Cannara en Win„ gurla, ontf: den 26. augustus 1779: Op onse gedaane beswaarnissen en die van onze onderdanen, heeft uw Ed: groot agtb: be„ haagt, ons te antwoorden; dat uw Ed=le ordre aan de gecommiteeerdens soude geven die naar Paponettij stonden te gaan, om de nelij verpagting te houden ten eijnde die klag„ ten te Examineeren, en de ingezeetenen rigt te doen, op den dag van het ongfest zijn de gecommiteerdens op Cranganoor g' arriveert
English
281 The 26 August In The City of Cochim Anno 1779 arrived, and on that very same day the Resident of Paponettij sent lascars to our court at Paponettij, and to the house of Ramanetta, and had the same surrounded, and made the women vacate, as well as despoiling and carrying away all the goods that were to be found therein, of which having given notice to the aforementioned commissioners, they ordered our regiadores to bring all the inhabitants to Paponettij, but upon witnessing these insolences, the inhabitants became so terrified that a number of them took flight, yet those who remained in the country, we sent to Paponettij in the company of our regiadores, and when the commissioners had ordered that the inhabitants should bring forward their complaints, the Resident began to make such strange grimaces that, out of fear, most of them ran away, and the inhabitants who had remained there presented their grievances, as well as that which occurred in our palaces, as the commissioners will have reported thereon to Your Right Honourable; the Resident on that day had a certain Nair named Moelloer Ittij Canden The 26 August In The City of Cochim Anno 1779: brought, and had him severely beaten by the lascars, and the inhabitants, seeing this, all went away, and the commissioners have also seen this with their own eyes, and furthermore we have written an ola concerning this to the aforementioned commissioners. In ancient times, whenever the residents of Paponettij committed any unjust acts against us or our subjects, we gave notice thereof to the commander of the city, who has always protected us according to right and reason; we have never suffered such outrages and damage from any resident as from the present one; he threatens the inhabitants that if they should go with complaints to us, or to Your Right Honourable, they would be punished; we fear that the Resident will not protect us, nor our subjects, as has been the practice of old, and if it pleases Your Right Honourable to protect us according to justice and equity, we request Your Right Honourable to send two commissioners to the fort of Cranganoor, where to have the inhabitants of Paponettij brought along with the headmen of that place, and to investigate the matter, whereupon everything would come to light; we would very gladly meet Your Right Honourable in person 283 The 26 August In the City of Cochim meet, and make known these grievances, for our heart is full of sorrow; therefore, may it please Your Right Honourable to take all these matters to heart, and to establish such order to protect us as the Honourable Company has always done. Signed by His Highness. Below, for the translation: Cochim, dated as above, was signed: S: v: Tongeren, sworn translator. The Resident of Paponettij has sent two olas to His Right Honourable, which he had received from the King of Aijroer, communicating the decease of his uncle, to be read more fully below. Translation of an ola written by the King of Aijroer to the Resident of Paponettij, received here the 26 August 1779: In the year Coijlan 949, the 9 of the month Chingam, or anno 1774, and the 19 of this month, on Wednesday in the evening, our uncle departed this life. Unsigned. Another by and to Anno 1779: as The 26 August In The City of Cochim Anno 1774: written before, first date ut supra. We are deeply grieved by the passing of our uncle, and the reply which your honour has written to our ola has served us as great comfort; we request the favour and affection of your honour in all our affairs; our subjects who reside in the Conquest must, according to ancient customs, offer us condolences, and if there should be any who do not observe their duty, we shall give notice thereof to your honour; after the 25 of this month, we shall send our regiadore Ambatto Christna to your honour to speak about the matters. Unsigned. Below, for the translation of the one and the other: Cochim, dated as above, was signed: S: v: Tongeren, sworn translator. The 1 September, Thursday, an ola was brought from Paponettij, written by the King of Cranganoor to the Resident there, containing the wounding of Coenja Menon, as appears below: Translation of an ola written by the King of Cranganoor to the Resident of Paponettij, received the 1 September anno 1774: Against 285 The 1 September In The City of Cochim Anno 1774 Against the 30 of this month, the day was appointed on which the oath was to be taken in the case of Cottecatto, for which purpose the Nairs Coenjen and Kello have appeared here with the other persons, and on the 27 of the same, in the evening around eight or nine o'clock, 3 or 4 persons gathered together inside a certain house east of Caril in order to murder those Nairs, and upon hearing their cries the people ran thither, whereupon they saw that the perpetrators fled to the north; the wounds of Coensen are very dangerous; we hear that those evildoers are inhabitants of the Sandy Land, and if your honour should not be pleased to have those people pursued, everyone will have to suffer much harm and shame; therefore we request your honour to have that matter investigated closely; in order to dress those wounds, we are now sending men to bring Maliakel Ramen and Core here, requesting your honour to send a lascar along with them. Signed by His Highness. Below, for the translation: Cochim, dated as above, was signed: S: v Tongeren, sworn translator. 10 September, Saturday, His Right Honourable wrote an ola to the King of Cranganoor, acknowledging
Dutch transcription
281 Den 26 Augustus In De Stad Cochim Ao 1779 arriveert en op dien eygenste dag heeft den Re„ sident van Paponettij, lascorijns gesonden naer ons hoff te Paponettij, en naar het huijs van Ramanetta, en laten deselve omtreij„ nigen, en de vrouwen doen delogeeren mits„ gaders alle de Goederen spoljeeren en wegha¬ len die daer in te vinden waren, waar van kennisse hebbende laten geven aan de gecom„ mitteerdens voorm. , gaven zij laast aan onse ragiadoors om alle de Jngezeetenen op Papo„ 52 nettij te brengen, maer de Jngezeeten heb„ ben op het aanschouwen van die Insolentien zoodanig bevreest geraakt, dat er Een parthij de vlugt genomen hadden, dog die in het land zijn Gebleeven, hebben wij in geselschap van on„ „se Ragiadoors naer Paponettij Gesonden, en toen de gecommitt=s gelast hadden, dat de Jngezeetenen hunne klagten zouden voor„ brengen, begon den Resident zulke wonderlij„ ke ministe maken dat zij uijt vreese de mees„ te weggeloopen zijn, en de Jngezeetenen die daar gebleeven waren, hebben hunne beswaar¬ nissen voorgebragt, en ook het geen in onse pallijsen is voorgevallen gelijk de gecommitts daer Rapport van aan uwEd groot agtb: zul„ len gedaan hebben, den Resident heeft zeeker naijro met name Moelloer, Jttij Canden Den 26 Augustus In De stad Cochim A=o 1779: landen op dien dag laten halen, en door de lascorijns snel slaan, en de Jngezeetenen zulx Ziende, gingen altemaal weg, en de gecommit„ teerdens hebben zulx met haar eijgen oogen ook gezien, en daeren boven hebben wij een ola dier„ wegens aan gem: gecommitt=s gesz: Jn oude tijden, wanneer de residenten van Paponettij eenige on„ billijke zaken tegens ons off onse onderdanen pluegden, gaven wij daar kennisse van aan den oppergebieder van de stad, die ons altijd na regt en reeden beschermt heeft, wij hebben nooijt van Eenige resident sulke afvonten en schaa„ de geleeden, als van de presente, hij drijet de Jngeseetenen zoo zij met klagte bij ons, of uwEd=e Groot agtb: mogten gaan, dat zij gecastijd zoude worden, wij vreesen, dat den Resident ons, nog onse onderdanen niet sal protegeeren, soo als van ouds in practijk is Geweest, en soo uwEd: Groot agtb: behaagt, ons na regt en billijkheijd te beschermen, versoeken wij uw Ed=le groot agtb: twee gecommitteerdens naar het fort van Cranganoor te senden, alwaar de Jnge¬ Zeetenen van Paponettij met de goede mannen van die plaatse te laten halen, en de zaak te ondersoeken, als wanneer alles aan het dag-ligt zoude komen; wij wenschen seer gaern Uw Edle groot agtb: in persoon te ontmoeten 283 Den 26. Augustus In de Stad Cochim ontmoeten, en deze beswarnissen te kennen te geven, wat ons Gemoed is vol van droefheijd, dierhalven Gelieve uw Ede. groot agtb: alle deze zaken zig ten herte te laten gaan, en zodanige ordre te stellen, om ons te beschermen zoo als een E Comp: altoos gedaan heeft gete: bij zijn ho=t /:onderstond voor de Translatie Cochim dato als boven was getekent S: v: Tongeren geswoore Translateur; Den Resident van Paponettij heeft aan Zijn wel Ed=le Groot agtb: twee olas gesonden, dewelke hij van den Koning van Aijroer had ontfangen Communiceerende, het overleijden van des„ selfs oom, breeder hier beneden te leesen. Translaat ola door den koning van Aijvoer gesz: aan den Re„ sident van Paponettij, alhier ontfangen den 26. augustus 1779: In het Jaar Coijlan qq9 den 9 van de maand Chingam ofte a=o 1774 en den 19. ' deser op Woensdag des avonds heeft onse oom het tijdelijke afgelegt niet get: Een ander door en aan A=o 1779: als Den 26 Augustus In De Stad Cochim A=o 1774: als vooren gesz: eerste dato ut supra. Wij zijn seer bedroefd met het overlijden van onze oom, en het antwoord dat uEd op onse ola geschreven heeft, ons tot groote troots gestrekt wij versoeken de gunst en genegentheijd van uEd=e danen. in alle onse zaken, onse onder die in het Conques woonen, moeten volgens oude usantis ons Condo¬ „leeren, en zoo daer eenige mogten, zijn die hun pligt niet betragten, zullen wij uw Ed=le daer kennis„ se van geven, naar den 25. deser sullen wij onse Ragiadoor ambatto Christna bij uEde. senden om over de zaken te spreeken niet getk: /:on„ „derstond:/ voor de translatie van de een en an„ der Cochim dato als boven was getekent S: V: Tongeren geswoore Translateur d=o 1: Zeptember Donderdag wierd van Paponettij een ola aangebragt door den koning van Cranga„ noor aan den Resident aldaar gesz:, Inhoudende het quetsen van Coenja menon als hier onder blijkt Translaat ola door den Koning van Cranganoor, gesz: aan den Resident van Paponettij, ontf den 1 7ber: anno 1774: Jegens 285 Den 1. September In De stad Cochim A=o 1774 Tegens den 30. ' deser, is den dag bepaalt geweest dat den eed soude gedaan werden in de Zaak van Cottecatto, ten welken fine zijn de naijros Coen„ „jen en kello met de andere persoonen hier verschee„ „nen, en op den 27: d=o, des avonds omtrent agt â negen uuren, hebben b'oosten Caril binnen zeker huijs 3: â 4. persoonen zig bij malkanderen vergadert om die naijros te vermorderen, en op het hooren van hun Geschreeuw liepen de menschen daer na toe als wanneer zij gezien hadden dat de Daa„ ders naar de noord zijn gevlugt, de wonden van Coensen zijn seer gevaarlijk, wij hooren dat die boos „doenders Jngezeetenen van het Zandigland zijn, en wanneer uEd die luijden niet gelieve te laten agter halen, sal een ider veel schaade en schande moeten lijden dierhalven versoeken wij uw Ed=e die zaak nauwkeurig te laten ondversoeken; om die wonden te verbinden, senden wij thans volk om maliakel ramen, en Core hier te bren„ gen, uwEd=e versoekende een lascorijn met hun mede te senden get: / bij zijn hot onderstond voor de translatie Cochim dato als boven was Getekent, S: v Tongeren geswoore Translateur 10. _=o Saturdag schreef zijn wel Ed: Groot agtb: een ola aan den koning van Cranganoor bekent
English
The 10 September In The city of Cochin Anno 1774 making known in what manner His Right Honourable had ordered the complaints of His Highness against the Resident of Paponetty to be investigated, and decided in such a way that henceforth such irregularities should no longer be committed, see the draft below. Draft ola written by the Right Honourable Sir Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, and Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara and Vengurla, to the King of Cranganore, the 10th September anno 1779: The complaints of Your Highness concerning vexations and violence committed against Your Highness's subjects and palaces, I have had investigated by the commissioners and received a report thereon, from which it has appeared to me that the Paponetty Resident has in some respects overstepped his bounds, and for which I shall duly correct him. In the meantime, I have ordered him in advance to have all the goods returned or compensated to each person as much as was taken from him, which were taken from Your Highness's palaces or from his subjects by the lascars, and the money that he has demanded, as well as to have the goods taken from Your Highness's palaces delivered back thither, with the 69 fanams that the lascars demanded and received. Furthermore, the Resident is strictly forbidden henceforth to allow such things to be committed any longer, so that Your Highness's subjects who have fled from theirs can go thither without fear. Also, the Resident shall henceforth not be permitted to employ any other lascars than those given to him by the Honourable Company, to the number of 8, so that the sending of foreign hired lascars at the expense of the inhabitants shall now entirely cease, and for which reason none of the inhabitants will need to respect foreign lascars on behalf of the Company. And since the aforementioned irregularities have indeed principally arisen from a mistaken understanding of authority and the administration of justice, I have, in order to prevent new outrages from being committed, given orders that at Paponetty henceforth no administration of justice shall be exercised, neither over the Company's nor over Your Highness's subjects, but that all disputes, whether concerning debts, claims, or otherwise, must be investigated and settled here in Cochin by calm and knowledgeable persons, by way of arbiters, whom I have already appointed for that purpose to investigate such matters, provide me with advice, and decide upon my approval. Thus, Your Highness's subjects who have disputes or pending matters with one another in which they cannot come to an amicable agreement, can betake themselves hither to be heard and provided with proper justice. May God preserve Your Highness. Below stood: translated by me into Malabar, Cochin, dated as above, was signed S. v. Tongeren, sworn translator. Furthermore, an ola was translated written by the Sarvadhikari of Mangatti to Ananda Mallen, concerning the dispute over a certain house at Paponetty belonging to the Chandrakaran of Ayiro, as is to be read below: Translation of an ola written by the Sarvadhikari of Mangatti to Ananda Mallen, received the 10th September anno 1774: A certain Chandrakaran of Ayiro has a house in the territory of Paponetty where his family lives, and under the pretext of a claim, a certain Nayar went to the Resident of Paponetty and made his complaint. The Resident immediately sent people to that house and had its goods despoiled, and inflicted many other molests. The Nayar who made the complaint to the Resident is a man who always drinks and wanders about, and has no right thereto whatsoever. May Your Honour please give notice of this to the Right Honourable Lord Governor and see to it that restitution of what was despoiled is given to the said Chandrakaran, and that his family may remain in peace and quiet. Signed by the Sarvadhikari. Below stood: for the translation, Cochin, dated as above, was signed J. V. Tongeren, sworn translator. Tuesday, the First Interpreter van Tongeren wrote an ola to the Sarvadhikari of Ettumanoor concerning the release of a certain Christian Chiko, who was held prisoner by him, as is to be read here: Draft ola by order of the Right Honourable Sir Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, and Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara and Vengurla, written by the First Interpreter van Tongeren to the Sarvadhikari of Ettumanoor, the 13th September anno 1779: My Illustrious Ruler, the Right Honourable Lord Governor, has received report that at Eravimangalam, in the garden of a certain Christian named Maddawi Moerij Chiko, three days ago at night a Chogan is said to have come to steal young planted coconut trees, and that the keeper of the garden, while the owner lay sick in bed, observed the thief and inflicted some blows with a stick, whereupon the thief ran off, but after the lapse of three days it was heard that the said thief had passed away, and that the Regedor of Eravimangalam had sent out some Nayars and had that sick man taken away by force, who is now locked hand and foot in chains.
Dutch transcription
Den 10 September In De stad Cochim A=o 1774 bekent makende, op wat wijse zijn wel Ed: groot agtb: de klagten van zijn ho=t tegens den Resident van Paponettij had laten ondersoeken, en zooda„ nig gedecideert, dat voortaan diergelijke ongeregelt, heeden niet meer zouden gepleegt worden, vide het Concept hier beneden. Concept ola door den wel Ed Groot Agtb: Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van ne„ „derlands Jndia, mitsgaders gou„ „verneur en directeur der Custe mallabaar, Cannara en wingur¬ „la, Aan den koning van Cran„ ganoor gesz:, den 10:' 7ber: anno 1779: — De klagten van uhoogheijd over veraties en ge„ weld aan uho=ts onderdanen en pallijsen gepleegt, heb„ „be ik door de gecommitteerdens laten ondersoe„ „ken en daar van rapport ontfangen, waer bij mij is gebleeken, dat de paponettijse Resident zig in sommige opzigten te buijten gegaan heeft, en waer over ik hem na behooren Corrigeeren zal, Jntusschen hebbe hem voorafgelast om alle de Goederen die uijt uho=t paleijsen of van desselfs 287 Den 10. September Jn De Had. Cochim, A=o 1774: desselfs onderdanen door de lascerijns Genomen heefft zijn, en 't geld dat hij afgeijscht s te doen resti¬ „tueeren of vergoeden aen een ieder zoo veel hem ontnoomen is, mitsgaders de Goederen van uwho=t paleijsen genomen, weder derwaerds te bezorgen, met de 69:- fanums die de lascorijns begeert en ontfangen hebben. — Voorts is de resident ernstigverbooden, om voor„ taen diergelijke dingen niet meer telaten pleegen, zoo dat uho=t onderdanen, die van hunne geweeken zijn, zig zonder schoon der„ waarts kunnen begeeven — ook zal de Resident voortaen geene andere las„ korijns mogen gebruijken, als die hem van De EComp zijn Gegeven, ten getale van 8, zoo dat het zenden van vreemde gehuurde Lascorijns ten ten lasten der Jnwoonders nu ten eenemaal zal Cesseeren, en waerom niemand der ingezee„ „tenen vreemde Lascorijns voor 'sComp: zal behoe„ ven te respecteeren En dewijl de voorschreeven ongeregeltheeden wel voornamentlijk zijn voortgekomen, van uijt een verkeert begrip van gezag en regtspleeging, zoo heb„ „be ik, ter voorkoming dat nieuwe buijtensporig„ heeden werden begaan, ordre gegeven, dat er te Paponettij voortaen geen regtspleeginge, meer zal werden geoeffent, nog over 's Comp: nog over Den 10. ' September In De Stad Cochim A=o 1774 over uw hot onderdanen, maer dat alle geschil¬ len, het zij over schulden, pretentien, of an„ „derzints, hier te Cochim moeten werden on„ „derzogt en afgedaan; door bedaerde en kundige lieden, bij wijze van goede mannen, die ik reets daer toe heb aengesteld, om diergelijke zae„ ken te onderzoeken mij van berigt te dienen en op mijne approbatie te dicideeren, dus kun„ „nen uho=t onderdanen, die met den Eenen of anderen geschillen of uijtstaende zaeken hebben waer in zij met elkander in der minnen niet kunnen over eenkomen zig herwaerds vervoe¬ gen om gehoort en goed regt bezorgt te werden god bew. uhc=t /:onderstond:/ door mij in het mal„ labaars overgeset,„ Cochim dato als boven was ge„ tekent S: v: Tongeren geswoore translateur; Voorts is een ola overgeset door sarwadiacariaren van mangattij aan Amanda Mallen gesz:, over het verschil van zeker huijs op Paponet„ tij, toebehoorende den Chandracaren van Aij„ „ro, gelijk hier onder te leesen is. co Translaat ola door den sar„ wadiacariacaren van mangattij gesz:, aan ananda mallen ontf: den 10: 7ber: anno 1774: Zeker 289 Jochim Den 10: September Jn De Stad A=o 1774: 13: Zeker Chandracaren van Aijro, heeft Een huijs in het Conquest van Paponettij, aldaar zijn familie woond, en onder pretext van pretextie is zeekernaijro bij den Resident van Paponettij geweest, en heeft zijn klagte gedaan, den Resident sond ten Eersten volk naar dat huijs en liet de goe„ „deren van het selve spoljeeren, en veele andere mollesten toe brengen, den naijro die de klagte bij den resident gedaan heeft, is een man, die altijd dranken, en volsloopt, en heeft in het geheel daer geen regt toe, uEd=e believe hier van kennisse te„ geven aan den welEd=e groot agtb: heer gouverneur en te besorgen, dat de restitutie aan gem: Chari„ „dracaren van het gespoljeerde gegeven, en zijne familie met rust en vreede blijven mogen, get: bij den sarwadiacariaren /:onderstond:/ voor de translatie Cochim dato als boven was getekend I: V: Tongeren geswoore Translateur Dingsdag schreef den Eerste Tolk van Tongeren een ola aan den sarwadiacariaaren van Ettemanoer over de largatie van Zeker Christen Chiko, die bij hem gevangen zat, als hier te leesen is:~ Concept ola ter ordre van den wel Ed groot Agtb: Heer. Adriaan _a De Stad Coctum Den 13 September In A=o 1774. Adriaan Moens Raad Extra ordinair van nee„ „derlands Jndia, mitsgaders gou„ „verneuren Directeur der Cus„ „te mallabaar, Cannara en wingurla, gesz: door den Eerste tolk van Tongeren aan den sarwadiacariaren van etta„ „manoer den 13:' 7ber: anno 1719. Mijne Jllustre oppergebieder den welEdele groot agtb: heer gouverneur, heeft berigt beko„ „men, dat op Evemalaer in de thuijn van Zeeker Christen in name Maddawi moerij Chiko, nu drie dagen geleeden bij nagt een che„ go zoude gekomen zijn om Jonge aangeplan„ te klapperboomen te stelen, dat den bewa„ „ker van de thuijn, terwijl den eijgenaar ziek te bedde, lag den dief had waargenomen en eeni¬ „ge stokslaagen toegebragt, waarmede den dief aan het loopen ging dog na verloop van drie da„ „gen heeft men gehoord, dat gem: dief is komen te overlijden, en dat den Reegiadoor van Evema„ loer Eenige naijros had uijt gesonden en liet die zieke man met geweld afhalen, die thans delhanden en voeten met kettings geslooten
English
291 The 13th of September In The city of Cochim, Anno 1774: is kept in close confinement; However, since experience has taught His Right Honourable Esteemed Sir not to believe everything one hears, and His Right Honourable Esteemed Sir nevertheless wished to know how the matter stands here, His Right Honourable Esteemed Sir has ordered me to write this ola to Your Honour and to request that you send His Right Honourable Esteemed Sir true information regarding that matter, and in case the Christian is at fault and is the cause of the Chego's death, that Your Honour, by virtue of the contract existing between Your Honour's master and the Honourable Company, will have the perpetrator handed over to the Honourable Company, so that, after a proper examination of the matter, he shall receive his deserved punishment, as Their Honours will never tolerate that the crimes of evildoers be left unpunished. God protect Your Honour. Below stood: translated by me into Malayalam, Cochim, date as above. Was signed: P: v: Tongeren, sworn translator. The 14th of the same month, Wednesday before noon, His Right Honourable Esteemed Sir received a letter from Father Frei Johan de Amor Divino, stating that the trunk has been returned to its former place, as is confirmed below. Translation of the Portuguese letter by The 14th of September In The city of Cochim Anno 1774 by Father Frei Johan de Amor Divino, written to the Right Honourable Highly Esteemed Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of Netherlands India, and Governor and Director of the Malabar Coast, Canara, and Vingurla, received the 19th of September 1779: This is the third time that I have the honour of writing to Your Right Honourable Esteemed Sir and making it known that, through the unjust conduct of some mocquas of Cangracherij, subjects of the Honourable Company, favoured by the chief Jan Rosier, in carrying off the trunk of Our Lady of the Conception in the church of Olicarre, using for that purpose the name of Your Right Honourable Esteemed Sir, as can be seen in my first letter. And whereas counter-attestations have been produced whereby my information was not only dismissed as groundless, but it was also shown that the chief Rosier had not involved himself in that matter, whereupon I wrote a second letter to Your Right Honourable Esteemed Sir and demonstrated with witnesses the truth 293 The 19th of September In The city of Cochim Anno 1774: of my first letter. Upon which all, Your Right Honourable Esteemed Sir resolved to examine the matter further, whereupon it was found that my representation was true, wherefore Your Right Honourable Esteemed Sir saw fit to send an order to the chief Rosier to place the trunk back in the same place from which it had been taken, which has taken effect, bringing it to the house of the interpreter where it was previously kept by my order, although some circumstances arose to prevent it, which nevertheless remained without effect; for which favour I express my humble gratitude to Your Right Honourable Esteemed Sir, with the assurance that I shall acknowledge this kindness of Your Right Honourable Esteemed Sir for as long as I live; may God preserve Your Right Honourable Esteemed Sir for many years in health. Below stood: Your Right Honourable Esteemed Sir's humble and most obedient servant. Was signed: Frei Johan de Amor Divino. In the margin: Cochim, the 14th of September 1779. Below stood: for the translation, Cochim, date as above. Was signed: S: v Tongeren, sworn translator. The 19th of the same month, Monday, the first interpreter van Tongeren received an ola from the sarwadiacariaren of Ettemanoer, together with a voluntary confession of the Christian Chigo, to be read more fully below. The 19th of September In The city of Cochim Anno 1779. Translation of the ola written by the sarwadiacariaren of Attemanoer to the First Interpreter van Tongeren, received the 19th of September 1779: I have received Your Honour's ola, read it, and understood its contents, from which I saw that the Right Honourable Highly Esteemed Lord Governor was said to have received word that at Eremaloer, in the garden of a certain Christian named Naddawimoerij Chiko, three days ago, at night, a Chego was said to have come to steal young planted coconut trees, and that the keeper of the garden, while the owner was lying sick in bed, had noticed the thief and dealt him some blows with a stick, whereupon the thief took to running, but after the course of three days, it was heard that the said thief had passed away, and that the Ragiadoor of Eremaloer had sent out some nayars and had that sick man fetched by force, who was now kept imprisoned with hands and feet locked in chains; however, since experience had taught His Right Honourable Esteemed Sir all too well not to believe everything 295 The 19th of September In The city of Cochim Anno 1774. that one hears, and His Right Honourable Esteemed Sir nevertheless wished to know how the matter stands here, His Right Honourable Esteemed Sir had ordered Your Honour to write this ola to me and to request that I send His Right Honourable Esteemed Sir true information regarding that matter and deliver the Christian; from the accompanying copy of the voluntary confession of the Christian Chiko, it will appear to Your Honour that he beat the Chego Kikara Tanden to death, wherefore it is just that he be punished as an example to others. I must first make a report of this case to the Valia Sarwadiacariaren, with whose prior knowledge I shall send the Christian Chiko to the city. Signed by the aforesaid Sarwadiacariaren. Below stood: for the translation, Cochim, date as above. Was signed: C: v: Tongeren, sworn translator. Translation of the voluntary confession of the Christian Paijlo Chiko: I, the undersigned Paijlo Chiko, confess and acknowledge before the court of justice of the King of Travancore that I, with my son, on the 1st
Dutch transcription
291 Den 13: September In De stad Cochim, A=o 1774: geslooten gevangen zit; Dog dewijl de ondervinding zijn welEd: groot agtb: geleevt heeft, om niet alles te gelooven wat men hoort, en zijn welEdel groot agtb: egter gaerne wil„ de weeten, hoe het hier meede geleegen zij, heeft zijn welEdele groot agtb: mij geordonneert uEd: dese ola te schrijven en te versoeken, zijn wel Ed groot agtb: een ware Jnformatie van die zaak te sen„ den en in dien de Christen schuld heeft en oor„ zaak van de Chegos doot is dat uE uijt kragte van het Contract tussen uE meester en de E Comp; subsisteerende, den daader aan de E Comp: wil„ „de laten overleeveren, na een behoorlijke Exa„ minatie van Zake, zijn verdiende straffe sal laten Erlangen, alsoo haar Edele nooijt sal gedoogen, dat de misdaaden van de boosdoen„ „ders ongestraft zullen gelaten worden. god bew: uE /:onderstond:/ door mij in het mallabaar over„ geset, Cochim dato als boven /:was getekent:/ P: v: Tongeren geswoore translateur 14: d=o Woensdag voor de middag ontfing zijn wel Ed groot agtb: een brief van den pater Fre Iohan de amor de vind, behelsende, dat de Coffer weder op de oude plaats is gebragt geworden, als hier onder Cons„ teert. Translaat portugeere brief door Den 14 September Jn De stad Cochim Ao. 1774 door den pater Fre Johan de amor divino, gesz: aan den wel¬ „ Edel groot Agtb: Heer Adriaan Moeris, Raad Extra ordinair van nederlands Jndia, mitsgaders gouverneuren directur der Custe mallabaar„ Cannara en wingurla, ontf: den 19 ' 7ber: 1779: Dit is de derde keer, dat ik de eere hebbe aan uw Edele groot agtb: te schrijven en bekent te maken, dat door het onregtvaardig gedrag van eenige mocquassen van Cangracherij onder„ danen van d' EComp:, gefarariseert door het opperhoofd Jan Rosier, in het wegneemen van de Coffer van onse lieve vrouw van de ontfan„ kenisse, in de kerk van olicarre, gebruij„ kende daar toe de naam van uw Edele groot agtb: als te zien bij mijn eerste brieff. En dewijl er daer tegens attestatie zijn geproduceert, waer door mijne Informatie niet alleen zijn klagteloos gemaakt, maer ook aangetoond dat het opperhoofd Rosier zig met die zaak niet hadde bemoeijt, waar op ik aan uwEdele groot agtb: een tweede brief gesch: en met getuijgens aangetoond heb, de waer¬ heijd 293 Den 19. September In De stad Cochim Ao 1774: heijd van mijn eerste brief. Op welke eens en ander heeft uw Ede. groot agtb: geresolveert om de Zaak nader te Examineeren als wanneer bevonden, dat mijne presentatie in warheijd bestond, over zulx uw Ed=le groot agtb: goed gevonden had, ordre aan het opperhoofd Rosier te senden, om de Coffer wederom te stellen op de selfde plaatse daer zij van dan gehaalt was, het geen Effect gesor„ „teert heeft, brengende deselve ten huijse van den tolk daer deselve op mijne ordre bevoorens bewaart wierd, schoon dat er eenige Circumstantien zijn voorgekomen om het selve te verhinderen het geen egter sonder effecten zijn geweest, voor welke gunst ik uwel Edele groot agtb: mijne ootmoedige dankbarheijd betuijge onder verzekering, dat ik die weldaad uw Edele groot agtb: leevens lang zal Erkennen, die god bew: lange Jaren met ge„ „sondheijd /:onderstond:/ uw Edele groot agtb: ootmoe„ „digen en seer gehoorsamen dienaer /:was getekent Fre Johan de amor divino (in margine Cochim den 14: 7ber: 1779: /onderstond:/ voor de transla„ „tie Cochim dato als boven /was getekend S: V Tongeren geswoore translateur 19 d=o Maandag ontfing den eerste tolk van Ton„ geven een ola van den sarwadiacariaren van Ettemanoer benevens een vrijwillige Confessie van den Christenen Chigo, breeder hier beneden Den 19 September In De Slad Jochim A=o 1779. te leesen Translaat ola door den sar„ wadiacariaren van attema„ noer gesz: aan den Eerste Tolk van Tongeren ontfangen den 19. ' 7ber: 1779: Ik heb uE ola ontfangen, geliesen en dies Jnhoud verstaan waer bij ik zag, dat den welEd: Groot agtb: heer Gouverneur berigt zoude ontfangen hebben, dat op Evemaloer in de thuijn van Zeker Christen in name Naddawimoerij chi„ „ko, nu drie dagen, bij nagt een Chego zoude ge„ komen zijn om Jonge aangeplante klaper boo„ „men te stelen, en dat den bewaeker van de thuijn, terwijl den eijgenaer ziek te bedde lag,den dief had waer genomen en eenige stokslagen toegebragt, waermede den dief aan het loopen ging, dog naverloop van drie dagen men ghoort had, dat gem: dief is komen te overlijden, en dat den Ragiadoor van Eremaloer eenige naij¬ „ros had uijtgesonden, en liet die zieke man met geweld afgehalen die thans, de handen en voeten met kettings geslooten, gevangen zat; dog dewijl de ondervinding zijn welEd: Groot agtb: alteveel geleerd had, om niet alles te glooven wat 295 Den 19 September In Der Stad Cothim A=o 1774. wat men hoort, en zijn wel Ed groot agtb: eg„ „ter gaarn wilde weeten, hoe het hier mede geleegen zij, zijn welEd=e groot agtb uE g'ordon¬ neert had dese ola aan mij schrijven en te versoeken, zijn wel Ed=e groot agtb: een waere Jnformatie van die zaak te senden, en den Christenen te laten volgen; bij de ne„ vens gaande Copia vrijwillige Confessie van den Christen Chiko zal uE blijken, dat hij den chego kikara tanden, dood geslagen heeft, dierhalven is het billijk, dat hij ten exempel van andere gestraaft werd, Jk moet van dit geval eerste Rapport aan den balia sarwadiaca„ riaren doen, met wiens voorkennisse zal ik den Christen Chiko naer de stad senden, getekent bij den sarwadiacariaren voorm: /:onderstond:/ voor de translatie Cochim dato als boven, was getekent; C: v: Tongeren geswoore Trans„ lateur Translaat vrijwillige Confes„ „sie van den Christen Paijlo Chiko Ik onder gesz: Paijlo Chiko, Confesseeren en beleijde, Woods het geregthof van den koning van Trevancoor, dat ik met mijn zoon op den „1
English
The 19 September In The Town Cochin Anno 1774: the 7th instant in the evening the Chego Canachen, who came to steal young coconut trees from me, I beat, dragged to my next garden, and in a small hut standing therein, laid down, where he the next day in the morning came to die; this happened in this manner, thus I am prepared to undergo the punishment standing thereon signed by Saijlo Chiko for the translation Cochin the 19th September 1779: Furthermore his Right Honorable received again an ola from the King of Cranganore about the matter of the Resident of Paponetty, see the translation here below Translation of an ola written by the King of Cranganore to the Right Honorable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councilor of Dutch India, as well as Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara and Vingurla, received the 19th September anno 1779. Your Right Honorable's ola we have received, read and understood the contents, we are very 297 The 19 September In The Town Cochin Anno 1779: very well pleased with the arrangement which Your Right Honorable has made, as being convinced that the vexations against our subjects now have ceased and we as before protected shall be the vexations against our subjects, and women who have had to leave the country because of the defilement of their houses one has recently made known to the gentlemen commissioners of Cochin, and in their Honors' presence as well as that of our Kariakkars, the Resident has caused a certain Nair by name of Moelloer Itty Ianden to be punished, whereby the inhabitants have become so frightened that they do not dare go to Paponetty, and in order to give Your Right Honorable a further report thereof, we send our Kariakkars Ramanette Itty Ertja Menon and Moecanjaretta Ittimen with some of the inhabitants requesting Your Right Honorable to have the Resident and the good men of Paponetty summoned to Cochin, in order to have that matter examined in the presence of Your Right Honorable, and to remove those disputes from the world, otherwise the Resident will not change his conduct, humbly requesting Your Right Honorable to protect our subjects The 19 September In The Town Cochin Anno 1779: our subjects as of old, and to grant us the opportunity to be allowed to meet and speak with Your Right Honorable signed by his Highness /:below stood for the translation Cochin date as above was signed S: v: Tongeren sworn translator Number 22 Thursday his Right Honorable received an Arabic letter from the Sultan of the Maldive Islands named Mahomet Ibrahim as appears here below Translation of an Arabic letter written by the Sultan of the Maldive Islands Mahomet Ibrahim, to the Right Honorable Lord Adriaan Moens Extraordinary Councilor of Dutch India, as well as Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara and Vingurla, received the 22nd September 1774 Currently 299. The 22 September In The Town Cochin Anno 1774. Currently a vessel of ours departs, thitherward under the supervision of the Nakhuda Ibrahim, and I request Your Right Honorable to show him upon his arrival there, the necessary assistance, and to send him back as soon as possible /:below stood:/ the Seal of the Sultan printed in black ink /:below stood:/ for the translation Cochin date as above was signed S: V: Tongeren sworn translator Number 24 ditto Saturday the First Translator van Tongeren wrote an ola to the Sarvadhikariakkar of Mangatti by order of his Right Honorable as follows here below Draft ola by order of the Right Honorable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councilor of Dutch India as well as Governor and Director of the Coast of Malabar Canara and Vingurla written by the First Translator van Tongeren to the Sarvadhikariakkar of Mangatti - The 24 September In The town Cochin Anno 1774: Your Honor has through Anada Mallen complained to my Illustrious commander about that the Resident of Paponetty had caused the house of the Nair Ikonne to be plundered, the Resident was questioned about this, but says that it is untrue, and the mentioned Ikonne, having beaten his testator Poedengoetty Canamparembato, has taken flight to Mangatti; Your Honor will need to send the mentioned Ikonne to Cochin, in order to be able to investigate the matter properly, I commend Your Honor to God's protection /:below stood translated thus by me into Malabar Cochin date as above /:was signed:/ P: V Tongeren sworn Translator Number 26 ditto Monday his Right Honorable dispatched an ola to the ruler of Cranganore as can be read here below. Draft ola by the Right Honorable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councilor of Dutch India, as well as Governor and Director at the 24th September anno 1774: of the 301. The 26 September In The Town Cochin Anno 1774: of the Coast of Malabar, Canara and Vingurla written to the King of Cranganore the 26th September anno 1779: In your Highness's latest ola the complaints are repeated about the Resident of Paponetty both on account of the beating of the Nair Moelloer, as well as about vexations committed against your Highness's other subjects; I have already in my previous given your Highness assurance that the Resident will be corrected for this, and that your Highness's subjects, returning to their possessions, would remain unmolested there, I surely hope that since I wrote this to your Highness, nothing improper has again been undertaken by the Resident against your Highness's subjects, and therefore your Highness ought to be at ease with that assurance, and thus the frightened and departed inhabitants can safely return now to their dwellings and henceforth, if they have anything to complain of, address themselves hither, and not to the Resident: meanwhile it surprises me greatly that at the same time that your Highness complains about the Resident of Paponetty, you still maintain letter exchange and correspondence with the same, about occurring matters and
Dutch transcription
Den 19 September In De Stad Rochim A=o 1774: den 7. Courant des avonds den Cheee Canachen, die bij myj Jonge klapperbomen, quam steelen, heb geslaagen gesleept tot aan mijn naaste thuijn, en in een klein hutje daar in staan„ de, nieder gelegt, alwaar hij des anderen daags smorgens is komen te sterven; dit is zooda„ nig gepasseert, des ben ik bereijd de straffe daar op staande te ondergaan get: bij Saijlo Chiko voor de translatie Cochim den 19. ' 7ber: 1779: Voorts ontfing zijn wel Ed: Groot agtb: alweder een ola van den Koning van Cranganoor over de zaak van den Rresident van Paponettij, vide het translaat hier beneden Translaat ola door den ko„ ning van Cranganoor gesz: aan den welEd groot agtb: Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van ne„ derlands india, mitsgaders gouver„ „neur en directeur der Custe mallabaar, Cannara en wingurla, ontfangen den 19:' 7ber: anno 1779. Uw Edele: groot agtb: ola hebben wij ontfan„ „gen, geleesen en den Jnhoud verstaan, wij zijn Seer 297 Den 19 September In De Stad fochim A=o 1779: seer vergenoegt met de schikking die uw Ed=e groot agtb: gemaakt heeft, als overtuijgt zijnde, dat de vexaties tegens en onse onderdanen thans opgehouden en wij als van tevooren geprotegeert zullen worden de veraties tegens onse onder¬ danen, en vrouwslieden die het land hebben moeten verlaaten door het ontvijnigen van hunne huijsen heeft men laast aan de hee„ „ren g:committeerdens van Cochim bekent gemaakt, en in haer Es: presentie als ook die van onse Ragiadoors, heeft den Resident zeker nairo in name moelloer Jttij landen laten straffen, waer door de Jngezeetenen zoodanig bevreest zijn, geraakt, dat zijn niet durven na Paponettij gaan, en om uEdelee groot agtb: daar nader verslag van te doen, senden wij onse ragiadoors Ramanette Jttij Ertja menon en moecanjaretta Jtti„ „men met Eenige van de Jngezeetenen uw Edele groot agtb: versoekende, om den Resi„ „dent en de goede mannen van Paponettij op Cochim te laten op ontbieden, ten eijnde die zaak in presentie van uw Edele groot agtb: te laten ondersoeken, en die questien uijt de wereld te helpen, anders zal den Resident van gedrag niet verkanderen, uw Edele Groot agtb: ootmoedige versoekende, onsen onse onderdanen Den 19 September In De Stad Cochim A=o 1779: onderdanen als van ouds te protegeeren, en ons gelegentheijd te permitteeren om uwEdele groot agtb: te mogen ontmoeten en spree„ ken getekent bij zijn ho=t /:onderstond voor de translatie Cochim dato als boven was getekent S: v: Tongeren geswoore translateur N=o 22 Donderdag ontfing zijn wel Edele groot agtb: een Arabise brief van den sultan der maldivose Eijlanden met name mahomet Jbrahim als hier onder Consteert Translaat arabise brieff door den sultan der mal„ „divose Eijlanden Mahomet Jbrahim, gesz: aan den wel Edele groot agtb: Heer Adriaan Moens Raad Extra ordinair van nederlands Jndia, mits„ gaders gouverneur en di„ recteur der Custe malla„ „baar, Cannara en wingur„ „la, ontf: den 22: 7ber 1774 Thans 299. Den 22 September In De Stad Cochim A=o 1774. Thans vertrekt een vaartuijg van ons, na „derwaarts onder het opzigt van den Nachoda Jbrahim, en versoeke uw Edele groot agtb: hem met zijn aankomst aldaar, de noodige assisten„ tie te bewijsen, en ten spoedigsten te rug te„ senden /:onderstond:/ het Zegul van den sul„ „tan in swakt Jnkt gedrukt /:onderstond:/ voor de translatie Cochim dato als boven was getekent S: V: Tongeren geswoore translateur _=o 29: d=o Saturdag schreef den Eerste tolk van Iongeren een ola aan den Sareradicariaren van Mangattij ter ordre van zijne wel Ed groot agtb: als hier onder volgt Concept ola ter order van den welEdele Groot agtb: Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van neder„ „lands Jndia mitsgaders gouver„ „neur en Directeur der Custe mallabaar Cannara en win„ „gurla gesz: door den Eerste tolk van Tongeren aan den Sar„ „wadiacariacaren van mangat„ tij - Den 24 September Jn De stad Jochim A=o 1774: UEd heeft door anada Mallen aan mijnen Illustren oppergebieder laten klagen over, dat den Paponettijse Resident het huijs van de Naijro 'Tkonne had laten spoljeeren, den resident is daar over onderhouden, dog zegt, dat het onwaar is, en gem: Jkonne zijnen erflater Poedengoetij Canamparembato geslagen hebbende, de wijk na Mangattij heeft Genoomen; uld zal gem: gkonné na Cochim dienen te senden, om de Zaak behoorlijk te kunnen ondersteken, beveel uEd gode ter bewaringe /:onderstond zoo„ „danig door mij in het mallabaar overgeset Cochim dato als boven /:was getekent:/ P: V Tongeren geswoore Translateur e _o 26 _=o Maandag vaardigde zijn wel Ed groot agtb: een ola, aan den h=r van Cranganoor als hier onder te leesen is. Concept ola door den wel Ed Groot agtb: heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair wan nederlands Jndia, mitsga„ ders gouverneur en directeur „tij den 24. 7ber: anno 1774: der 301. Den 26 September In De Stad Cochim A=o 1774: der Custe mallabaar, Cannara en wingurla aan den Ko: van Cranganoor gesz: den 26:' 7ber: a=o 1779: Bij unhots. laatste ola worden herhaalt de klagten over den Paponettijse Resident Zoo weegens het slaan van den naijro moelloer, als over veraties aan uho=ts verdere onderdannen gepleegt; ik heb uho=t reets bij mijn voorige ver„ „zekering gegeven, dat den Resident daer over zal werden gecorrigeert, en dat uw hots onderdan¬ „nen na hunne bezittingen te rug keerende, daar ongemollesteert soude blijven, Jmmers hoop ik niet, dat zeedert ik uhot dit heb aangsz:, er weder iets onbehoorlijks door den Resident te„ „gens uhots onderdanen 's ordernoomen en daarom behoort uw ho=t op die versekeringe gerust te zijn, en dus kunnen de bevreesde en afgewekene Jnwoonders maar gerust nu hunne wooningen keeren en voortaan iets te klagen hebben, zig dit heen addresseeren, en niet bij den Resident: intusschen verwon„ „dert het mij seer, dat ter selver tijd dat uho=t over den paponetteijse Resident klagt, met denselven nog brieff wisselinge en Correspon„ dentie onderhoud, over voorvallende Zaken en G
English
Cochim The 26th of September in the city Anno 1774: 28 and the more so because I have already written to Your Highness that he shall no longer decide any matters; and Your Highness will do best not to write to him at all anymore, but to address yourself to me concerning the matters that Your Highness has to transact, or else have them submitted before the Resident of Cranganoor, who will give us notice thereof, and at the same time inform us of the circumstances of the matters, for which I have given the necessary orders to the Resident of Cranganoor. God preserve Your Highness. Below stood: Translated as such by me into Malabar. Cochim, date as above. Was signed: P: V: Tongeren, sworn translator. Wednesday, an ola was written to the King of Aijroer and to Prince Cartamanna, to each one of them according to the following content. Draft ola by the Right Honourable and Highly Esteemed Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Carnara, and Wingurla, to the King 303. The 28th of September in the city Anno 1774: King of Aijroer and the Prince Cartamana, written the 28th of September 1774. Cochim. Owing to the manifold complaints received that many irregularities are being committed in the administration of justice at Paponettij to the inhabitants and residents there, I have prohibited the Resident there from investigating dispute cases of the inhabitants any further, much less from passing judgment on them, but have on the contrary ordered him to refer those who have any grievance to Cochim, where their cases will be examined by impartial and experienced men and settled according to law and equity. I have also prohibited the aforesaid Resident from corresponding further with the native princes regarding dispute cases; thus I have deemed it necessary to give Your Highnesses notice of this arrangement, to the end that Your Highnesses henceforth would not only send your subjects with their complaints to Cochim, but Your Highnesses may also address yourselves to me and no longer to the Resident of Paponettij, should Your Highnesses have matters to present or negotiate that pertain to the Company's conquest of Paponettij and its inhabitants and residents. 2 The 28th of September in the city of Cochim Anno 1774: residents. God preserve Your Highness. Below stood: Translated as such by me into Malabar. Cochim, date as above. Was signed: P: V: Tongeren, sworn translator. 29. Thursday, His Right Honourable and Highly Esteemed Lordship received two olas, one from the King of Trevancoor and the other from Paijencherij Naijro, reading word for word as follows: Translation of an ola, written by the King of Trevancoor to the Right Honourable and Highly Esteemed Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Cannara, and Wingurla, received the 29th of September, anno 1774. On the 20th current we arrived at Chrisnaporam. It was very dear and pleasant for us to see from Your Right Honourable and Highly Esteemed Lordship's ola that Your Right Honourable and Highly Esteemed Lordship's children have arrived safely in the fatherland. To speak with Your Right Honourable and Highly Esteemed Lordship about the further matters, 305. The 29th of September in the city of Cochim speak, we now send Ananda Mallen thither, with the request to send him back hither without delay, with the answer to this. Written by Balia Melestta Canaka Ananja Peroemaal and signed by His Highness. Translation of an ola written by Paijencherij Naijro to the Right Honourable and Highly Esteemed Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Cannara, and Wingurla, received the 29th of September, anno 1774. In the land of Paponettij at Coddemangalam lie certain lands, belonging to us and the King of Aijroer, half to each. The Nayro Caddangancherij has been administrator over the half belonging to the King of Ayroer, and over our other half, the Naijro Loddakel Caijmaal. And whereas Prince Cartamana claimed the right of barram from this exclusively, a complaint about this was made to the Right Honourable and Highly Esteemed Anno 1774: Lord Cochim The 29th of September in the city Anno 1774 Lord Governor Senff, of blessed memory, who summoned the King of Aijroer, the Prince of Cartamana, and our heirs before His Right Honourable and Highly Esteemed Lordship, where the matter having been investigated, a compromise was entered into, providing that the right of the lands of our territory should belong to us, and the lands of the territory of Aijroer should fall to that prince, and thus each would draw the rights from his own boundaries. Thereupon the King of Cranganoor also made a claim regarding those rights, whereupon His Right Honourable and Highly Esteemed Lordship entrusted that commission to the Resident of Cranganoor, the Resident of Paponettij, Medeler, and the present Resident of Chettua, who, having gone together to Paponettij, the said Residents went in person to inspect that place, and subsequently the matter having been brought to the stage of taking an oath, the King of Aijroer did not appear on the appointed day, whereby the matter has remained unsettled; and meanwhile the Prince of Cartamanna collects all those rights exclusively. Therefore we request Your Right Honourable and Highly Esteemed Lordship to make an order that each may have his right
Dutch transcription
Cochim Den 26 September Jn De Had A=o 1774: _o 28. _=o en zulx te meer om dat ik uhot reets aangesz: heb, dat hij geene zaken meer beslissen zal; en ho=t sal best doen in het geheel niet meer aan den„ selven te schrijven, maar zig aen mij te addrij¬ „seeren over de zaken die uho=t teverhandelen heeft, dan wel voor den Cranganoorsen Resi„ dent laten open leggen, die ons daar van ken„ „nisse zal geven, en teffens Informeeren van de omstandigheeden der zaaken, waar toe ik de nodige ordre aan den Cranganoorse Resident gegeven hebbe god bew: uho=t /:onderstond/ zooda„ nig door mij in het mallabaars overgeset Cochim dato als boven /:was getekent:/ P: V: Tongeren geswoore Translateur Woensdag is aan den koning van aijroer en den prins Cartamanna ider een ola gesz: van den volgens de Inhoud. Concept ola door den WelEd Groot Agtb: Heer Adriaan Moens! Raad Extra ordinair van nederlands Jndia mitsgaders gouverneur en directeur der Custe mallabaar, Carnara en wingurla, aan den Koning - 303. Den 20 September In De stad A=o 1774: koning van Rijvoer en den Prins Cartamana, gesz: den 28' 7ber: 1774. Cochim. Mits de menigvuldige in gekomen klagten. dat er veele ongeregeldheeden werden begaan in het toedienen van het regt te Paponettij aan de op en„ ingezeetenen aldaar, hebbe ik den aldaar zijn den Resident geinterdiceerd geschil zaaken der inge„ „zeetenen meer te onderzoeken, veel min daar over regt te spreeken maar daar en tegen gelast, tie om de genen die iets te klagen hebben na Cochim te renvooijeeren, alwaar hunne zaaken daar onpar„ tijdige en ervarene mannen zullen werden on¬ derzogt en na regt en de billijkheijd afgedaan ook hebbe ik den Resident voormeld g'interdi„ „ceert meer te Correspondeeren met de inlandse vorsten over verschil zaaken, dus hebbe nodig geoordeelt uho=ts van dese schikkinge kennisse tegeven ten eijnde uho=t voortaan niet alleen derzelver onderdanen met hunne klagten na Cochim zoude zenden maar uho=t Zig ook aan my en niet meer aan den paponeltijsen Resident mogen addresseeren; indien uho=t zaken voorte brengen of te verhandelen mog¬ „ten hebben, die betrekkelijk zijn op 's Comp=s Conquest paponettij op derzelver open ingesee„ tenen 2 Den 28 September In De Stad Cochim A=o 1779: „tenen god bew: ho=t /:onderstond:) zoodanig door mij in het mallabaars overgeset Cochim dato als boven was getekend P V: Tongeren geswoore Translateur o 29' _o Donderdag ontfing zijn wel Ed groot agtb: twee olas de eene van den koning van Trevan„ coor en de ander van Paijencherij naijro, luijden¬ de van woord tot woord als volgt Translaat ola, door den ko„ ning van Trevancoor, gesz: aan den wel Ed Groot agtb: Heer! Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van ne„ derlands Jndia, mitsgaders gouverneur en directeur der Custe mallabaar, Cannara en wingurla ontf: den 29' 7ber: a=o 1774. Den 20: Courant zijn wij op Chrisnaporam g'arriveert, het is ons seer lief en aangenaam geweest uijt uw Ed=le groot agtb: ola te zien dat uw Edle groot agtb: Kinderen behouden in het vaderland zijn aangeland, om met uw Ed groot agtb: over de verdere zaken te spreeken, 305. Den 29:' September In De stad Jochim spreeken, senden wij ananda mallen thans naar derwaarts, met versoek denselven sonder tardance dit heen te senden, met het ant„ woord hier op gesz: bij balia melestta Canaka ananja peroemaal en getekent bij zijn ho=t Translaat ola door Paijen„ cherij naijro, gesz:. aan den welEd Groot Agtb: Heer Adriaan Moens„ Raad Extra ordinair van ne„ derlands Jndia, mitsgaders gouverneur en directeur der Custe mallabaar, Cannara en win„ gurla, ontf den 29' 7ber: anno 1779 In het land van Paponettij te Coddeman„ galam, leggen eenige landereijen, toe behooren„ „de aan ons, en den koning van aijvoer ider de helfte, den nayro Caddangancherij is admi„ „nistrateur geweest over de helfte van den ko: van ayroer, en over de ander helfte van ons; den naijro loddakel Caijmaal, en dewijl den prins Cartamana de geregtigheijd van bar„ ram alleenig daar van vorderde, is daer klag¬ te overgedaan aan den wel Ed Groot agtb: A=o 1774: Cheer g b: Cochim Den 29 September In De stad A=o 1774 heer gouverneur serff zalr, die den ho: van aijvoer, den prins van Cartamana, en onse erfgenomen voor zijn welEd. groot agtb: heeft laten op ontbieden, alwaar de zaak onder„ „sogt zijnde, een Compromis gepasseert is, behelsende, dat de geregtigheijd van de lande„ reijen van onse landen aan ons zoude, Com„ piteeren en de landereijen van de land van Aijroer aan dien vorst zoude val„ „len, en dus ider de geregtigheijd zoude trec„ „kens van zijne liemieten, daer op maakte de koning van Cranganoor ook pretentie, we¬ gens die geregtigheijd als wanneer zijn wel Ed: groot agtb die Commissie had opgedragen aan den Re„ „sident van Cranganoor, den Resident van Paponettij medeler, en den presenteer resident van Chettua, die met den anderen op Saponet„ tij zig vervoegt hebbende gingen die Residen„ „ten in persoon die plaats bekijken, en ver„ „volgens de zaak tot het presteeren van een Eed getermineert zijnde, is den koning van aijvoer ter bestemde dag niet gecompareert, waar door de zaak onafgedaan gebleeven is, en Jntussen vordert den prins van Cartamanna alle die geregtigheijd alleenig in, derhalven versoeken wij uw Edele groot agtb: Ordre te stellen, dat ider zijn ge„ regtigheijd
English
307. The 29 September In The City of Cochim Anno 1774. may claim rights as of old: signed by Paijench. Below stood: for the translation of all this, Cochim, date as above. Was signed: S. V. Tongeren, sworn Translator. 30. Ditto, Friday, his Right Honourable wrote a reply ola to Paijencherij Naijro, as appears below. Draft ola by the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of Netherlands India, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Cannara and Wingurla, written to the Paijencherij Naijro, the 30th 7ber Anno 1774. I have received your Honour's ola, but before its receipt already gave the necessary orders to the Resident of Chettua regarding the lands in the country of Paponettij at Coddamongalam: God preserve your Honour. Below stood: translated as such by me into the Malabar language, Cochim, Anno 1774 The 30th September In The City of Cochim date as above. Was signed: S. V. Tongeren, sworn Translator. 2. October, Sunday, his Right Honourable received an ola from Prince Cartamana, containing information regarding the Woods of Battaparaticaddo, as appears below. Translated ola, written by the Prince of Cartamana To the Right Honourable Lord! Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of Netherlands India, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Carnara and Wingurla; received the 2nd October 1779: The Woods of Battaparaticaddo, situated in the village of Eddamotton south of the stream of Poedietto, belongs to us and the King of Cranganoor, from which the tithes are collected at Paponettij; but in ancient times a certain Naijro named Wanerij was said to have bought a part of those lands, according to a produced 309. The 2 October In The City of Cochim Anno 1774: proof ola, with which Paijencherij Naijro brought forward his claim, whereupon the Commander of this Coast at that time assigned this matter to the Resident of Paponettij, the Commandant of Chettua, and the Captain of the Topasses, Silvester Mendes, who, appearing at Madilagam, had the proofs brought forward, and subsequently, the matter having been examined, it was found that this ola was false and invalid, and that this Wanerij, leaning on the King Zamorin, was supposed to have made that claim, for which reason he was also condemned to a fine, and since that time we have possessed those lands without the slightest trouble from anyone in the world; and now Paijencherij Naijro has come forward again with that old ola, and has caused those lands to be placed under arrest by the Resident of Chittua; it is a matter that had already been concluded previously, and therefore it is not consistent with equity that our lands are placed under arrest and so much damage is done to us; may your Right Honourable please take all this to heart, and let everything take its course as has been decided of old. Signed by Prince Cartamana. Below stood: for the translation, Cochim, date as above. Was signed: Simon Cochim The 2nd October In The City Anno 1774: S. V. Tongeren, sworn translator. His Right Honourable also received an ola from the King of Cranganoor, whereby he declares that he is completely at ease with the arrangement that his Right Honourable has made in the matter of Paponettij, to be read more fully below. Translated ola, written by the King of Cranganoor, to the Right Honourable Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of Netherlands India, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Cannara and Wingurla, received the 2nd 8ber 1774: We have received, read and understood the contents of your Right Honourable's ola; we remain completely at ease upon the assurance that your Right Honourable has given us that the Resident of Paponettij will leave us and our subjects unmolested; and according to the letter of your Right Honourable, we shall henceforth address ourselves to the Resident of Cranganoor with our matters, as the said Resident 311. The 2. October In The City of Cochim Anno 1774: has also written to us that he had received orders to that effect. A certain Kakolatta Christria has previously made his complaint to the Resident of Paponettij, for which reason the said Resident has caused hostilities to be committed in our palaces, as well as in the houses of Jttiraritja Menon, with the plundering of goods, copperworks, cattle, etc. It is now 40 years since Paijenatto Naijro was adopted into the house of Kakalatta, and now he is squandering all these goods and does not pay our lease money properly; and on the other hand he has had the audacity to speak many improper words against us, and we hear that he has gone to Cochim, and the brutal words that he spoke against us, many people have heard, but they cannot all appear at Cochim, and therefore we shall send those people to Cranganoor to convince him of this; therefore we request your Right Honourable to give orders that the plundered goods may be restituted again, and that we may be protected as of old; the matters that happen to arise henceforth, we shall disclose to the Resident of Cranganoor. Signed by His Highness. Below stood: for the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. V. Tongeren, sworn Translator. The 4
Dutch transcription
307. Den 29 September In De Plad fdchim A=o 1774. _a „regtigheijd mag vorderen zoo als van ouds: getekent bij Paijench /onderstond / voor de translatie van het een en ander Cochim dato als boven /:was getekent:/ S: V: Tonge„ „ren geswoore Translateur 30. d=o Vrijdag schreef zijn wel Edele groot agtb: een antw: ola aan Paijencherij naijro, als hier onder Consteert. Concept ola door den wel Ed Groot Agtb: Heer. Adriaan Moens, Raad Extraordinair van neder¬ an lands Jndia, mitsgaders gou„ verneur en directeur der Custe mallabaar, Cannara en win„ gurla, aan den Paijen cherij naijro gesz: den 30:' 7ber: a=o 1774 Ik hebbe uEd: ola ontfangen, dog voor dies ontfangst aan den Resident van Chettua reets de nodige ordre gegeven, nopens de lan„ derijen in het land van paponettij te coddamon„ galam: god bew: uEdele /:onderstond zooda„ „nig door mij en het mallabaars overgeset Co„ chircr Ao 1774 Den 30: September In De Stad Cochim „chim dato als boven /:was getekent S: V: Tonge ven geswoore Translateur 2. October Zondag ontfing zijn wel Ed: Groot Agtb: een ola van den Prins Cartamana, behelsen„ de prformatie wegens de Bosschagie van Bat„ „taparaticaddo, als hier onder Consteert Translaat ola, door den Prins van Cartamana gesz: Aan den welEd: Groot agtb: Heer! Adriaan Moens, Raad Extra ordinaire van Nederlands Jndia, mitsgaders Gouverneur en Directeur der Custe mallabaar, Carnara en wingurla; ontfangen den 2: October 1779: De Bosschagie van Battaparaticaddo Gelee„ „gen in het dorp van Eddamotton bezuijden „de spruijt van Poedietto, hoort ons in den Koning van Cranganoor toe, waar van de thiendens ingevordert worden tot Pa„ ponettij, dog in oude tijden zoude zeeker Naijro, genaamt wanerij, een gedeelte van die Landerijen Gekogt hebben, volgens Gepro„ duceerde 309. Den 2 October In De Stad Cochim A=o 1774: duceerde bewijs ola, waar meede Paijencherij Naijro met zijne pretentie voor den dag Quam, als wan„ „neer den Toenmaligen, oppergebieder deser Custe, die zaak had opgedragen aan den Resident van Paponettij, den Commandant van Chettua, den Capitain van den Joepassen Silvester Mendes dewelke op Madilagam verscheijnende de bewij„ „sen hadden laten brengen, en vervolgens de zaak g'Examineert zijnde bevonden is, dat die ola vals, en invalide was, en dat dese. wanerij, stui„ nende op den Koning Sammorijn, die pretentie soude Gemaekt hebben, waeromme hij ook in een boete is Gecondemneert Geworden, en zee„ „dert die tijd hebben wij die Landerijen bezeeten sonder eenige de minste moeijenisse van ijmand ter weveld, en nu is Paijencherij Naijroal weeder op gekomen met die oude ola, en heeft die lande„ „rijen door den Resident van Chittua laten arresteeren; het is een zaak die al bevoorens zijn beslag erlangt had, en dierhalven komt het met de billijkheid niet over een, dat men onse landerijen laat arresteeren en ons zoo veel schaa¬ „de toebrengt; uwel Ed=e Groot agtb: gelieve dit al„ „les zig ter herte telaten gaan, en alles te laaten voortgafng neemen, als van ouds Gedecideert is. Get: / bij den prins Cartamana /:onderstond:/ voor de Translatie Cochirre dato als boven /:was get:/ Simon E Cochim Den 2: October Jn De Stad A=o 1774: S: V: Tongeren geswoore translateur Nog ontfing zijn wel Ed=e Groot Agtb: een ola van den Koning van Cranganoor, waar bij denselven betuijgt sig volkomen gerust te houden, met de schikking die zijn wel Ed: Groot Agtb: gemaakt heeft in de zaak van Paponettij breeder hier be„ neden te leesen. Translaat ola, door den koning van Cranganoor, gesz: Aan den wel Ed=e Groot, Agtb: Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinaire van Neder¬ „lands Jndia, mitsgaders gouver„ neur en directeur der Custe mal„ „labaar, Cannara en wingurla, ontf: den 2. 8ber: 1774:— UwelEd:e Groot Agtb: ola hebben wij ontfangen, geleesen en dies Jnhoud verstaen; wij houden ons volkomen gerust op de verzekering die uwel Ed=e Groot Agtb: ons gedaan heeft, dat den Resident van Paponettij ons, en onse onderdanen ongemol„ „lesteert sal laten: en Jngevolgens 't aanschrij„ vens van uwelEd: Groot Agtb: Zullen wij voor¬ „taan ons addresseeren bij den Resident van Cranganoor met onse zaken, alsoo Gem: Resi„ dent 311. Den 12. October In De Stad Cochim A=o 1774: „dent ons ook geschreeven heeft, dat hij daer toe or„ dre had bekomen, zeekere kakolatta Christria heeft bevoorens zijn klagte Gedaen bij den Resident van Paporiettij waaromme gem: Resident in onse pal„ „leijsen hostiliteijten heeft laten pleegen, zoo meede in de huijsen van Jttiraritja Menon, met spoljeering van goederen, koper werken, koe„ „beesten &=a, 't is nu 40= Jaeren, dat Paijenatto Naijro g'adopteert is in 't huijs van kakalatta, en nu brengt hij alle dese goederen door, en betaald onse pagt penn: niet na behooren; en daar en tegen heeft hij de stoudmoedigheijd gehad veele onbe„ „hoorlijke woorden tegens ons te spreeken en wij hoo¬ ven, dat hij na Cochim is g'gaan, en de brutale woor„ „den die hij tegens ons gesprooken heeft, hebben veele menschen gehoort maar zij kunnen alle op Co„ „chim niet verscheijnen, en daerom zullen wij die menschen naar Eranganoor senden, om hem zulx te overtuijgen, dierhalven verzoeken wij uwel Ed=e Groot Agtb: ordre te stellen, dat de Gespoljeerde Goederen wederom mogen gerestitueert, en wij als van ouds geprotegeert worden; de zaaken die voortaan ko¬ men vóor te vallen, zullen wij aen den Resident van Cranganoor openleggen get. bij zijn hoogh=t /:onderstond:/ voor de Translatie Cochim. dato als boven /:was get:/ S: V: Tongeren geswoore Translateur Den 4
English
The 9th October in the city of Cochim Anno 1774: Tuesday, His Right Honourable and Most Respected wrote an ola to the Prince of Cartamana, demonstrating that the Paijencherijs have already been for over 72 years in possession of the forest Bataparaticatto, as can be read below. Draft ola written by the Right Honourable and Most Respected Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, and also Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Cannara, and Wingurla, to the Prince of Cartamana, the 4th October 1774: I have been informed by the Resident of Chettua that the Paijencherijs have already been in possession of the forest Bataparetij for 72 years, except for one year when Your Highness drew the rights thereof, by virtue of an erroneously made arrangement, and therefore I have ordered the Resident of Chettua to maintain the Paijencherijs in peaceful 313 The 9th October in the city of Cochim Anno 1774. possession, and to notify Your Highness that if Your Highness believes to have proprietary right to those lands, the evidence thereof should be produced to me. Now Your Highness says by ola that Your Highness has been in possession of that forest since the verdict of the arbitrators, which does not agree with the reports received from Chettua. Your Highness must demonstrate to me both his possession since that time, and his right to that forest, before I can alter my decision in this matter; for to say that the ola with which the Paijencherijs demonstrate their right is false, is not enough, but this must be proven. God preserve Your Highness. Below stood: Translated as such into the Malabar language by me in Cochim, date as above. Was signed: P. V. Tongeren, sworn translator. Furthermore, His Right Honourable and Most Respected sent an ola to the King of Aijroer, regarding his unjust conduct in placing seizures in the village of Coddaparambil belonging to the King of Cranganoor and situated in the conquest of Paponettij, see the draft below. Draft ola written by the Right Honourable and Most Respected Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch The 9th October in the city of Cochim: Anno 1774: Indies, and also Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Wingurla: to the King of Aijroer, written the 4th October 1774: With astonishment we have learned that Your Highness has seen fit to place a seizure, and to have the banana trees severed in the village of Kodda Parambil, belonging to the King of Cranganoor, and situated in the Company's conquest of Paponettij. It seems strange that Your Highness, having just entered the government, already proceeds to disturb the peace of the Company's conquest, which we intend to preserve and to maintain, and for that reason I have had the placed seizure immediately removed; since Your Highness is not authorized to have seizures placed in the Company's conquest. But if Your Highness feels aggrieved about one or other matters, you must apply to the Company as supreme ruler of that region, for if everyone seeks to take justice into their own hands arbitrarily, peace can no longer find a place. Meanwhile the King of Cranganoor considers himself greatly insulted by these proceedings, and demands satisfaction for it; Your Highness will have to satisfy him in one or 315 The 4th October in the city of Cochim Anno 1774 other way, in order to prevent further difficulties, and should refrain in future from having any violence committed on the Company's territory. God preserve Your Highness. Below stood: Translated as such into the Malabar language by me in Cochim, date as above. Was signed: P. v. Tongeren, sworn translator. Friday, His Right Honourable and Most Respected received an ola from the King of Aijroer, communicating the unwillingness of his subjects in the payment of their dues, as can be read below. Translation of the ola written by the King of Aijroer to the Right Honourable and Most Respected Lord Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, and also Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canara, and Wingurla, received the 7th October 1774. We have received the sent ola, read it, and understood the contents. We are currently in mourning over the death of our uncle, which will last The 7th October in the city of Cochim Anno 1774: for a year, and during that time we may not leave the country anywhere, nor put any signature on outgoing olas; however, in the meantime we learn that our subjects are unwilling to contribute what they owe, and by the aforementioned ola of Your Right Honourable and Most Respected, we have seen that we should therefore not submit our grievances to the Resident of Paponettij, and that we should address ourselves directly to Your Right Honourable and Most Respected. We find great difficulty here in making ends meet with our daily expenses; therefore it is very difficult for us to present ourselves there over daily disputes, which may Your Right Honourable and Most Respected take to heart, and make the necessary orders in this regard. Not signed. Below stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: S:s V Tongeren, sworn translator. Saturday, there was brought here an ola from the King of Aijroer, whereby he seeks to excuse himself, that the seizing of the village of Coddaparambil rested on good grounds, as appears below. Translation of the ola by the
Dutch transcription
Den 9: October Jn De Slad Cochim A=o 1774: Dingsdag schreeff zijn wel Ed=e Groot Agtb: Een ola aan den Prins van Cartamana, demoris„ „treerende, dat den Paijencherijsal over de 72. ' Iaaren in de possessie van de Bosschagie Bata„ paraticatto zijn Geweest, als hier onder te lee„ „sen is. Concept ola door den wel Ed: Groot Agtb: Heer Adriaan Moens; Raad Extra ordinair van Ne„ derlands Jndia, mitsgaders Gouverneur en Directeur der Custe mallabaar, Cannara en wingurla, geschreeven Aan den Prins van Cartamana, den 4: october 1774: Ik ben door den Chettuassen Resident onder¬ „rigt, dat de Paijencherijs, al 72: jaaren zijn Geweest in de possessie van de Bosschagie Bataparetij, be„ „halven een Jaar dat u hoogheijt daer van de Geregtigheeden heeft getrocken, uijt hoofde van eene abusive gemaakte schikking en daarom hebbe ik aan den Chettuassen Resi„ „dent Geordonneert, de Paijencherijs in 't ge„ ruste 313 Den 9: October In de Stad Cochim A=o 1779. „ruste bezit te handhavenen in u hoogheijt aan „tekundigen, dat Jndien uhoogh=t meent regt van eijgendom op die landen te hebben, daer van de bewijsen aan mij dient te produceeren nu zegt uho=t bij ola dat uho=t in de possessie van die bos„ „schagie is zeedert de uijtspraak der goede mannen, 't geen niet over een komt met de van Chettua ontfangen berigten, uho=t moet mij zoo wel zijne possessie zedert dien tijd, als zijn regt op die bosschagie doen blijken, al eer ik hier omtrent van dispositie kan veranderen, want te zeggen, dat de ola valsch is, waermeede de Paijencherijs hun regt aantoo„ „nen, is niet Genoegt maer dit moet beweesen wor„ „den, god bewaere uhoogheijd /:onderstond:/ zoodanig door mij in het mallabaars overgeset Cochim dato als boven /:was get:/ P: V: Tongeren geswoore Trans„ „lateur. — Voorts liet zijn wel Ed=e Groot agtb: een ola afgaan aan den koning van Aijroer, over zijne onbillijk gedrag, in 't stellen van arresten in het dorp lodda„ „parambil toebehoorende den Koning van Cranganoor en geleegen in het Conquest van Paponettij vide 't Concept hier beneeden. Concept ola, door den wel Ede. Groot Agtb: Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van Neder„ lands Den 9: October In De Stad Cochim: A=o 1779: „lands Jndia, mitsgaders gouverneur en Directeur der Custe Malla„ „baar, Canara en wingurla: Aan den koning van Aijvoer gesz: den 4: 8ber: 1779:~ Met verwonderinge hebben wij verstaan, dat uho=t heeft kunnen goed vinden arrest te leggen, en de pisang boomen te laten scheyden in het dorp kodda Parambil, toe behoorende aan den koning van Cranganoor, en geleegen in 's Comp=s Conquest Papo„ „nettij, het komt vreemd voor, dat uw hoogh=t pas in de regeringe gekomen zijnde, al overgaat tot stooringe van de ruste s Comp=s Conquest, welke wij meenen te bewaaren, en te handhavenen, en daarom is 't, dat ik het gelegt arrest ten eersten hebbe laaten wegwerpen; dewijl uho=t on„ „bevoegt is, arresten in Comp=s Conquest te laaten leggen, maar indien uho=t zig beswaard vind over een of ander zaaken dan moet uw zig ver¬ voegen bij de Comp=e als opperhoofd van die land„ „streek, want indien een ider zig na wille„ „keur regt wil besorgen, zal de rust geen lan„ „ger plaats kunnen vinden, intusschen houd de koning van Cranganoor zig zeer beleedigt over dit gedoente, en vraagt daar over satis„ „factie; uhoogh=t zal den selven op de een of„ G 315 Den 4: October In de Stad Cochim A=o 1774 7: „te andere wijse moeten te vreede stellen, om verder moeijeleijke heeden voorte komen, en zig Jn het vervolg dienen te wagten, eenig geweld op 's Comp:s terreitoir te laten pleegen god bewaere u hoogheijd /:onderstond:/ zoodanig door mij in het Mallabaars overgezet Cochim dato als boven /:was getekend P: v: Tongeren geswoore Translateur. Vrijdag ontfing zijn welEd: Groot Agtb: Een ola van den koning van Aijvoer, Communiceerde de onwilligheijd zijner onderdanen in de betaling van hunne geregtigheijd als hier onder te leesen Translaat ola door den Koning van Aijvoer Aan den wel Ed=e Groot Agtb: heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van Nederlands India, mitsgaders Gouverneur en Directeur der Custe mallabaar, Canara en wingurla, gesz:, ontfangen den 7: october 1774 De gesondene ola hebben wij ontfangen, ge„ „leesen en den Jnhoud verstaen, wij zijn thans in den Rouw over de dood van onse oom, die duuren zal va is. Den 7. October In De Stad Cochim e 8 zal een Jaer langen geduurende die tijd mogen wij nergens uijt het land gaan, nog eenige handte„ kening stellen op afgaande olas, dog in tussen verneemen wij, dat onse onderdanen onwillig zijn te Contribueeren het geen zij verschuldigt zijn, en bij uwel Ed=e Groot agtb: ola voorm:, hebben wij ge„ „zien, dat wij dierhalven onse beswaarnissen aan den Resident van Paponettij niet doen souden, en dat wij ons direct aan uwelEd=e Groot agtb: zou„ den addresseeren, wij vinden groote swarigheijd om alhier met onse dagelijkse guastus rond te schieten, daarom is het voor ons seer moeijelijk over dagelijkse verschillen ons daer te laten vin„ „den, het geen uwel Ed:e groot agtb: zig ter herte gelieve te laten gaan, en hier omtrent de noodi„ „ge ordre te stellen niet geteekend /:onderstond:/ voor de Translatie Cochim dato als boven /:was getek:/ S:s V Tongeren geswoore Trans„ lateur. Satusdag wierd alhier aangebragt, Een ola van den Koning van Aijroer, waar bij denselven zig soekt te verschoonen, dat het arresteeren van 't dorp Coddaparambil, op goede fondamenten zou„ de steunen, als hier onder blijkt Translaat ola door den A=o 1774:
English
317. The 8th October In The City Cochim Anno 1774. The king of Aijroer wrote: To the Right Honorable, Highly Esteemed Sir Adriaan Moens, Extraordinary Councilor of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director of the Malabar Coast, Cannara, and Wingurla, received the 8th October 1774. We have received Your Right Honorable Esteemed's ola, read it, and understood its contents. Whenever a king of Aijroer dies, all the subjects residing from Coddarma Iodda northwards and from Pallapettij southwards must come to offer us their condolences, just as the subjects of our outlying districts do. Some of that region have performed their duty, and some have been unwilling to do so, wherefore we sent the Nairs Addaoddij and Changarij together with the Moor Mamoetta to compel the unwilling subjects thereto by means of attachment, who cut a bunch of bananas. Thereupon our nephew, the King of Cranganoor, wrote and made known to Your Right Honorable Esteemed that the village of Codda parambil belongs to him alone, which is not so, but on the contrary, the aforementioned village belongs to the king of Aijroer, and the Honorable Company used to protect both houses of Aijroer without distinction. The 8th October In The City Cochim Yet, giving credence to the words of one party, to be displeased with us falls very hard upon us. And since an order has arrived that the people who made the attachment on our orders must depart for Cochim, we are now sending them thither. Therefore, we request Your Right Honorable Esteemed to take all this to heart and send our people back as soon as possible, as well as to have this matter examined according to justice and equity, and to let us enjoy what belongs to us. Not signed. Below stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. v. Tongeren, sworn translator. The 10th of the same, Monday, His Right Honorable Esteemed received an Arabic letter from the sultan of the Maldive Islands, reading as follows: Translation of an Arabic letter written by the Sultan of the Maldive Islands, Mahamet, to the Right Honorable, Highly Esteemed Sir Adriaan Moens, Extraordinary Councilor of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director of the Malabar Coast, Cannara, and Wingurla, received the 10th October Anno 1774. 319. We are now sending a vessel thither under the supervision of the Nakhoda Cassen, requesting Your Right Honorable Esteemed to lend him a helping hand and to send him back here as soon as possible. If anything here is of service to Your Right Honorable Esteemed, please let us know. Below stood: The seal of the sultan printed in black ink. Lower below stood: For the translation, according to the reading and explanation of the Moorish priest Seijdo, Cochim, date as above. Was signed: S. v. Tongeren, sworn translator. The 10th ditto, Wednesday, His Right Honorable Esteemed received an ola from the King of Trevancoor, requesting to send two members from the Council to His Highness, as can be read below in the translation. Translation of an ola written by the king of Trevancoor to The Right Honorable, Highly Esteemed Sir Adriaan Moens, Extraordinary Councilor of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director of the Malabar Coast, Cannara, and Wingurla, received the 12th October 1774. 10th October 1774. The 10th October In The City Cochim All Anno 1774 2nd The 12th October In The City Cochim Anno 1774. All that Your Right Honorable Esteemed let us know via Ananda Mallen, he has properly conveyed to us, and among other things, that Your Right Honorable Esteemed was currently very busy with the buildings of the city and therefore could not well depart from it; yet if we came close by, Your Right Honorable Esteemed had a great desire to see and speak with us. We must go to Tiroewanandaparam on the 5th of this month, or the 18th current, to perform a certain ceremony, and the king of Cochim must soon depart for Tripontarre; therefore, we cannot present ourselves on that side. And since we and the king of Cochim together have some matters to present to Your Right Honorable Esteemed, we request Your Right Honorable Esteemed to send two members from the Council, together with the First Interpreter, to Amballapallij by the 14th current, whom we shall dispatch back as soon as possible. Written by Balia Melesetta Canaka Ananja Scroemalen, signed by His Highness. Below stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: P. v. Tongeren, sworn translator. The 13th ditto, Thursday, two olas were brought here, one from the king of Cranganoor and the other from the king of Aijroer, addressed to His Right Honorable 321. Anno 1774. The 13th October In The City Cochim Right Honorable Esteemed, the contents of which follow here below: Translation of an ola written by the King of Cranganoor to The Right Honorable, Highly Esteemed Sir Adriaan Moens, Extraordinary Councilor of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director of the Malabar Coast, Cannara, and Wingurla, received the 13th October 1774. We have already made known to the Resident of Cranganoor how Paijencherij Nair, through the people of the Resident of Chittua, had the crop of Battaparatij cut, and how the other crops have all been attached, of which we do not doubt Your Right Honorable Esteemed will have received knowledge; and now trees are being cut down. The Resident of Chettua has written to our uncle, the prince of Cartamana, that the forest of Battaparatij has been possessed by Paijencherij Nair for 72 years past, which ola was brought to us, and we have seen as much from it. If that land belonged to Paijencherij Nair, it would not have been necessary for Paijencherij Nair's people
Dutch transcription
317. Den 8: october In De Plad Jochim A=o 1774: den koning van't Aijroer gesz: Aan den wel Ede. groot Agtb: Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordiniair van Neder¬ lands Jndia, mitsgaders gouverneur en Directeur der Custe mallabaar, Cannara en wingurla, ontfangen den 8. ' october 1779:~ UWelEd=e Groot Agtb: ola hebben wij ontfangen, Ge„ leesen en dies Jnhoud verstaan, wanneer een koning van Aijroer Sterft, moeten alle de onderdanen, woonende van Coddarma Iodda noodwaarts, en van Pallapettij Luijdwaats, ons de rouw beklag komen doen, even zoo„ „danig als de onderdanen van onse buijtenlandse distric„ „ten; eenige van die landstreek hebben hunne pligt afgelegt, en eenige zijn daer toe onwillig geweest, waerom„ „me wij de Nagros Addaoddij: en Changarij benevens den Moor Mamoetta gesonden hebben, om de onwil„ lige onderdanen door middel van arrest daar toe te Constringeeren, die een trospijsang hebben gesneeden, daar op heeft onse Neef, den Koning van Cranganoor, aan uwel Ed=e groot agtb: geschreeven en bekent gemaakt, dat 't dorp Codda parambil den selven alleenig Compiteert 't geen zoo niet en is, maar ter Contrarie 't dorp voorm: komt den koning van Aijroer toe, en d' EComp=se plag„ te de beide stamhuijsen van Aijroer sonder onder„ Scheijt Den 8 October In De Stad Cochim „scheijt te protegeeren, dog aan de woorden van de eenin parthij geloof slaande, op ons misnoegt te willen zijn, valt 't ons seer lastig en nadien et ordre geko„ men is, dat de luijden die op ons bevel 't arrest gelegt hebben na Cochim moeten vertrecken, zoo zeuden wij thans deselve naer derwaerts, dierhalven versoeken wij uwelEde. Groot agtb: dit alles zig ter herte te laten gaan, en ons volk ten spoedigsten te rug te senden, mitsgaders dese zaak na regt en de billijkheid te laten Examineeren, en ons te doen genieten; wat ons toekoomt, niet getek: / onderstond:/ voor de Translatie Cochim dato als boven /:was get:/ S:n v: Tonge„ „ven gesw: Translateur _=o 10 d=o Maandag ontfing zijn wel Ed=e groot Agtb: Een Arrabise brieff van den sultan der maldivose Eijlanden aldus luijdende. Translaat Arabise brief door den sultagn der Maldivose Eijlan„ den Mahamet, gesz: Aan den wel Ed=e groot Agtb: Heer Adriaan Moens, Raad extra ordinair van Nederlands India mitsgaders gouverneur en Directeur der Custe mallabaar, Cannara en wingurla, ontf: den 10 8ber: A=o 1774: 319. Wij senden thans naar derwaarts Een vaartuijg on„ „der opzigt van den Nachada Cassen, uwel Ed=e Groot Agtb: verzoekende, den selven de behulpsame hand te„ „bieden, en ten spoedigsten dit heen te rug te zen„ den hier iets van uwel Ed=e groot agtb: dienst zijnde gelieve ons te laten weeten /:onderstond:/ 't Zegel van den sultan in Swart irkt gedrukt /:lager onderstond:/ voor de Translatie volgens Leesing en verstaan geving van den moorse priester Seijdo Cochim dato als boven /:was get:/ S:s V: Tongeren geswoore Translateur. — 10. v=o woensdag ontfing zijn wel Ed=e Groot Agtb: een ola van den Koning van Trevancoor, versoekende om twee Leeden uijt den Raad bij zijn hoogh=t te senden als hier onder bij het Translaat te leesen is. Translaat ola door den koning van Trevancoor, gesz: Aan Den wel Ed=e Groot Agtb: Heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van Nederlands India, mitsgaders gouverneur en Directeur der Custe mallabaar, Can„ nara en wingurla, ontf: den 12: october 1779 10.' 8ber: 1774: Den 10: October In De Stad Cochim Alle A=o 1774 2o Den 12 October In De Stad Cochim Ao 1774. Alle 't geene uwel Ed=e Groot agtb: ons per Ananda Mallen heeft laten weeten, heeft hij ons behoorlijk te verstaan gegeven, en onder anderen, dat uwel Ede. Groot Agtb: thans sterk bezig was met de gebouwen van de stad, en daerom niet wel uijt deselve konde gaan, dog zoo wij daer digte bij kwamen, uwel Ed=e Groot agtb: groote genegentheid had, om ons te zien, en te spree„ ken, wij moeten den 5 deser ofte 18 Courant op Tiroe„ wanandaparam, ter verrigting van zeekere Ceremo„ „nie gaan, en den koning van Cochim dient haast na Tripontarre te vertrekken, daerom konnen wij ons daer aan die kant niet laten vinden, en dewijl wij in den koning van Cochim te saamen eenige zaa„ „ken aan uwel Ed=e groot agtb: voor te houden hebben, zoo verzoeken wij uwel Ed=e groot agtb:, twee Leeden uijt den Raad, benevens den Eerste tolk, tegens den 14: Courant op Amballapallij te senden, die wij ten spoedigsten weder te rug zullen afdepechiee„ „rent gesz: bij Balia Melesetta Canaka Ananja Scroemalen, get: bij zijn ho=t /:onderstond:/ voor de translatie, Cochim dato als boven /:was geter:/ P: v: Tongeren gesw: Translateur. — _o 13: v=o Donderdag wierden alhier twee olas aan„ gebragt d' eene van den koning van Cranganoor en de ander van den koning van Aijvoer aan zijn welEd=e 321 A=o 1774: Den 13e October In De Stad Cochim wel Ede. groot Agtb gerigt van Jnhoud als hier onder volgt Translaat ola door den KoningC„ van Cranganoor Gesz: aan Den welEde. Groot Agtb: heer Adriaan Moens, Raad Extra ordinair van Nederlands India mitsgaders Gouverneur en Directeur der Custe mallabaar, Cannara en wingurla, ontf: den 13. 8ber: 1774. Wij hebben alreeds aan den Resident van Cran„ „ganoor te kennen gegeven, hoe dat Paijencherij Naij„ „vo door 't volk van den Resident van Chittua 't gewas van Battaparatij heeft; laten snijen, en hoe 't andere gewas altemaal gearresteert tijd 't geen wij niet twijffele of uwel Ed=e Groot agtb: zal daar van kin„ „nisse bekomen hebben, en nu laat men boomen „afkaspen; den Residend van Chettua heeft aan onse oom den prins van Cartamana gesch:n, dat 't bos Battaparatij, 't zeedert 72: Jaaren herwaarts Paijen„ „herij Naijro gepassideert heeft, welke ola is bij ons Gebragt, en wij hebben zulx daar uijt gezien, bij al„ „dien dat land aan Paijencherij naijro toehoorde, zou 't niet nodig geweest zijn, dat Paijencherij Naijro volk
English
The 13th of October, in the City of Cochim, Anno 1774: had to bring people from the sovereign to have the crops pruned. Paijencherij Naijro seeks, through false reports, to draw our lands and those of the Prince of Cartamana to himself. Our uncle has been to Cranganoor and made this matter known, along with our people, to the Resident, who replied that we and the Prince of Cartamana could write to Your Right Honourable Worship about this matter, and that the Resident would also write. Your Right Honourable Worship wrote to us that all the goods and copperware which the Resident of Paponettij had caused to be taken from our palace and from the houses of our inhabitants would be caused to be returned, and that the fugitive inhabitants could return to their dwelling places. We have restored the inhabitants who took flight to their former peace, but they complain bitterly that they have not yet received back any of their goods which the Resident had caused to be taken, and we have also not received ours up to now. The Naijra Karakolato Christria, one of our vassals, holds some lands of ours under him, and because he did not properly pay us the annual lease, we had the mentioned lands attached, whereupon he went to the Resident of Paponettij 323. The 13th of October, in the City of Cochim, Anno 1779: Paponettij and reported the matter falsely to that gentleman, for which reason the Resident had the attachment withdrawn, without having him make restitution of his lease to us, and in addition had the house of our Ragiadoor Ramenelt Ittiarche desecrated and the goods plundered. Ittiarche was indebted to Karakolato for some paddy and two cleavers, and on the other hand Karakolato likewise had to have some fanams from Ittiarche, and the last-mentioned has sufficient witnesses, but it is very difficult for those people to get there, as they are not in a position to bear those travel expenses; therefore it will be better that Christra be sent either to us or to Cranganoor, so that that matter can be investigated. At the same time, we request that the crops of Battaparetij may be returned. May Your Right Honourable Worship take all this to heart and be willing to help us; the rest the bearer of this will make known orally to Your Right Honourable Worship. Signed by His Highness. Another written by the Prince of Cartamana to the same above-mentioned date: And concerning the matter of Battaparattij, Your Right Honourable Worship The 13th of October, in the City of Cochim, Anno 1774. Worship, according to the letter of the Resident of Chettua, wrote that the Paijencherij Naijro had already occupied that land for 72 years, and that only for one year had we dealt with it without his knowledge, and therefore Your Right Honourable Worship had written to the Resident of Chettua to let the mentioned land be occupied by Paijencherij Naijro himself, which we have understood from Your Right Honourable Worship's ola. That land has been possessed by our ancestors from ancient times, and no one else has any right to it but us alone. Therefore it is very hard for us that Your Right Honourable Worship, upon the letter of the Resident of Chettua which was made to the advantage of Paijencherij Naijro, and without investigating that matter further, should order that the land might be occupied by Paijencherij Naijro. Whenever Paijencherij Naijro wishes to have some thorns cut in that forest to erect fencing, he must first satisfy with paddy the forest-warden whom we have placed there to guard the same, in order to be able to cut them, and without doing so, if they should undertake to cut anything from that forest, the cutting knife was immediately taken away by our people, whereupon they then had to ask our pardon and pay the due to our people; such has always 325 Cochim, The 13th of October, in the City, Anno 1774: always been the practice. The Resident of Chettua has written three olas to us about this matter; on the 7th of this month we received another ola from him, in which the Resident wrote to us that for the dubious matter to be investigated, one must appear in that land where the dispute is; in such a manner we can handle that matter. Since this matter also concerns the King of Cranganoor, we have, upon receiving the news that the Resident of Cranganoor henceforth had to investigate the matter of the King of Cranganoor, gone thither and made this matter known to the Resident, who replied that since the Paijencherij Naijro has possessed that land for 72 years, why then in this year the mentioned Paijencherij Naijro had to bring people from the sovereign to have the crops pruned; wherefore the Resident of Cranganoor is completely convinced that this conduct of Paijencherij Naijro is unjust, and also told us that that gentleman has no order to investigate this matter, and that it was therefore better that the kings themselves wrote about this matter to Your Right Honourable Worship, yet upon our request the Resident promised us that he would also write about this dispute to Your Right Honourable Worship; Your Right Honourable
Dutch transcription
Den 13'. October: In De Stad Cochim A=o 1774: volk van den offferheer moest brengen, om 't ge„ „was te laten snoeijen; Paijencherij Naijro zoekt door verkeerde berigten, de landen van ons en van den prins van Cartamana na zig te trecken, onse oom is op Cranganoor geweest en heeft dese zaak nevens ons volk aan den Resident te kennen gegeeven, die van antwoord gediend heeft, dat wij en den prins van Cartamana over dese Zaak aan uwel Ed=e Groot agtb: konden schrijven en dat den Resident ook schrijven zoude, uwel Ed=e Groot Agtb heeft ons gesch:n, dat alle de goederen en koperwerken die den Resident van Iaponet„ „tij uijt onse palijs en uijt de huijsen van onse Jn„ „woonders heeft laten haelen, zal laten te rug gegeven werden en dat de vlugtige inwoonders wederom in hunne woonplaetsen konden komen; de inwoonders die de vlugt genomen hebben, hebben wij weder in hunne voorige rust gebragt maer zij klaegen, sterk dat zij nog niets van hunne goederen die den Resident heeft laten haalen te rug gekreegen hebben, en wij heb„ „ben de onse ook tot nu toe niet gekreegen; den Naijra Karakolato Christria, eere van onse ras„ Salen, heeft eenige landerijen van ons onder zig en om dat hij de Jaerlijkse pagt ons behoorlijk niet voldaen heeft, hebben wij gem: landerijen laten arresteeren, waar op hij bij den Resident van Paponettij 323. den 13' october In De Stad Cochim A=o 1779: Iaponettij is geweest en heeft de zaak verkeert aan dien heer berigt, waaromme den Resident 't arrest had laten intrecken, zonder door hem de restitutie van zijn pagt ons te laten geven, en daer en boven 't huijs van onse Ragiadoor Ramenelt Ittiarche had laten ontvijnigen en de goederen spoljeeren, gewi jttiarche was aan karakolato wat nelij en twee houwers schuldig, en daar en tegen moest kagolato insgelijks van Jttiarche wat fan=s hebben, en den laast gem: heeft suffiçante getuijgens, maar 't is zeer moeijelijk voor die menschen, om na derwaarts te graak, wijl zij niet in staat zijn om die rijs onkos„ „ten te konnen doen, dierhalven zal beeter weesen dat Christra, 't zij bij ons, of te Eranganoor geson„ den wierd, op dat die zaak kon ondersogt worden teffens verzoeken wij dat 't gewas van battaparetij mag terug gegeeven worden, uwel Ed=e Groot Agtb: be„ „lieve dit alles zig ter harten te laten gaan, en ons te willen helpen 't oprige zal den brenger deses uwelEd=e Groot agtb: mondelings te kennen geven getl: bij zijn Hoogh=d En Over de zaak van Battaparattij heeft uwel Ed=e Groot Een ander door den Prins Cartamana gesz: Aan als bo„ „ven dato voorm: agtb: Den 13:' October In De stad Cochim A=o 1774. agtb: volgens aenschrijvens van den Residt. van Chettua dat nu al 72: Jaaren lang den Paijencherij Naijro dat land beloopt had, en dat een Jaer maar zou wij buijten weeten van den selven daar meede omgegaan hebben, ende over zulx uwel Ede. Groot agtb: aan den Resident van Chettua geschreeven had, om gem: land door Paijencherij Naijro Zelfs te laten beloopen, 't welke wij uijt uwel Ed=e. Groot agtb: ola hebben verstaan; dat land is van oude tijden af aan door onse voor ouders gepossideert, en daar op heeft niemand anders: eenig regt als wij alleen dierhalven valt 't voor ons zeer hart, dat uwel Ed=e Groot agtb: op 't aanschrijvens van den Residt. van Chettua die ten voordeele van Paijencherij naijro geschiet is, en zonder die zaak verder te onderzoe„ „ken te ordonneeren dat het land door Paijen„ cherij naijro mogt: werden beloopen; waanneer Paijenchero naijro, in dat bos wat doornen wilt laten kaplen om Hijning te zetten moet eerst aan die bosch-walster die wij daer gesteld hebben om 't zelve te bewaaken, met nelij te vreeden stellen, om deselve te konnen kappen, en zonder zulx te doen als zij mogte ondernemen om iets van die bosch te kappen, wierd 't kapines ten Eersten door ons volk ontnomen, als wanneer moeten zij den ons Excus verzoeken, en de gereg„ tigheid aen ons volk te betaelen zoodanig is altijd 325 Cochim Den 13: October In De Stad A=o 1774: altijd in practijk geweest, den Resident van Chettua„ heeft drie olassen aen ons geschreeven over dese zaak den 7: deeser hebben wij weder een ola van den selven ontfangen, bij welke schreefden Resi„ „dent ons, dat om de debudrieuse zaak onderzogt te worden moet men verschijnen, in dat lant waer 't verschil is, op zoodanige wijse kunnen wij die zaak behandelen, dewijl dese zaak den Koning van Cranganoor ook aengaat zoo hebben wij op de beko„ „mene tijding, dat den Resident van Cranganoor voor„ „taen de zaak van den koning van Cranganoor on„ derzoeken moest, zig daer na toe begeeven, en dese zaak aan den Resident te kennen gegeeven, die daar op ten antwoord gediend heeft, dat nademaal den paijencherij naijro 72: jaaren lang dat land gepossideert heeft, waarom nu dan in dit Jaer gem: Paijencherij Naijro volk van den opperheer moest brengen om 't gewas te laten snoeijen, over zulx den Resident van Cranganoor vol„ „komen overtuijgt is, dat dese behandeling van paijencherij naijro onregtvaardig is, en zijne ons teffens, dat dien hier geen ordre heeft om dese zaak te ondersoeken, en dat darom beter was, dat koningen zelfs over dese zaak aan uwel Ede Groot agtb: schreef, dog op ons verzoek heeft den Residt ons beloofd, dat hij ook over dit verschil aan uwel Ed=e Groot agtb: schrijven zoude; uwe EEd Groot
English
The 13 October In The City of Cochim Anno 1774: Right Honorable, please have this matter investigated, whether at Paponettij, Cranganoor, or at Cochim itself; we shall not fail to present ourselves there. The Paijencherij Nayar, together with the Chettua resident, had all the crops of our inhabitants cut and carried off. We also had some of our own, and after we had a portion of it cut, an arrest was placed on it, and now the aforementioned Paijencherij Nayar is also having trees felled. We have no one else but the Honorable Company alone for our help and assistance. Furthermore, we request that the crop which the aforementioned Paijencherij Nayar has arrested may be reaped, and that the Nayar be ordered to fell no more trees until this matter has been settled, and also that orders be given for the matter to be investigated. The village of Hadaparambij, being a piece of land that belongs to the King of Aijroer and Cranganoor; and after the death of the King of Aijroer, only some of the inhabitants of the aforementioned village went there to offer their condolences to the new king; and because the other inhabitants did not come to offer condolences to the new king according to their duty, His Highness of Aijroer had their lands arrested, and from each garden cut a bunch of bananas. Concerning which matter the King of 327 The 13 October In The City of Cochim Anno 1779: Cranganoor has written to your Right Honorable that the King of Aijroer has committed some acts of violence, regarding which your Right Honorable has written very earnestly to His Highness, and summoned those people who cut the bananas, who are still detained there. If those people from whom the King of Aijroer had the bunches of bananas cut are indeed the King's subjects, one will be able to see this during the examination of that matter. Therefore, I request to know at which place that examination will take place, so that we may also present ourselves there; I request that the people who are detained there be sent back here with the bearer of this. Signed by the Prince of Cartamana. Below stood: For the translation of both parts, Cochim, date as above. Was signed: F. V. Tongeven, Sworn Translator. Shortly thereafter, His Right Honorable dispatched an ola to the King of Travancore, complaining about the poor delivery of pepper, as appears below: Draft ola by the Right Honorable Lord Adriaan Moens, The 13 October In The City of Cochim Anno 1779: Moens, Extraordinary Member of the Council of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla; written to the King of Travancore on the 13th of October 1774. I have recently addressed Your Highness so strongly regarding the poor delivery of pepper, which is contrary to Your Highness's solemnly given promise; Yet Your Highness has not answered a single word to it, but only written to me that Ananda Mallen was sent by Your Highness to me to speak with me; and I thought that he would then speak about the obligations and come to bring me assurance that the missing pepper was to be delivered shortly. But what Ananda Mallen had to say was only to tell me that Your Highness was there and to ask whether I had the opportunity to come there to Your Highness; whereupon I informed Your Highness that I could not leave home at present, and would therefore wait until Your Highness, on some occasion or other, went further north and had to pass through here, as the general report went then that Your Highness was to depart past here for the north. Upon this, Ananda Mallen returned yesterday with another letter, once again without assurance 329 Cochim The 13 October In The City Anno 1774 that the missing pepper would soon be brought to the scale; but I have only seen from that letter that Your Highness cannot come this way, and therefore the much-desired meeting between us cannot take place. It is not the ongoing construction works that prevent me from going so far south, but other and much more urgent affairs, so that Ananda Mallen must not have understood me well, and did not convey the message in the manner I told him, possibly due to a lack of translation because our interpreter was ill then, and the message therefore had to be interpreted by another. And since Your Highness now states in that same letter that Your Highness has some matters to submit to us together with the King of Cochim, and requests that two members of the Council, along with the First Interpreter, be sent to Amballapally by the 14th of this current month, I am very willing to comply with this request, and therefore let Councilors Saffijn and van Spall, together with the First Interpreter van Tongeven, depart today for Amballapally, so that they may still be there on the 19th and hear the matters of Your Highness and the King of Cochim. But since Your Highness has not yet given any answer regarding the pepper, much less had the missing pepper delivered up to this day, I request that
Dutch transcription
Den 13. October In De Stad Cochim A=o 1774: Groot agtb: gelieve deses zaak te laten ondersoeken 't zij op Paponettij, Cranganoor of op Cochim zelfs, wij zullen niet nalaten ons aldaer te laten vinden den Paijencherij naijro heeft met den Chettuas residt tesamen alle 't gewas van onse in„ woonders te laten snijden en wegbrengen wij had„ „den ook wat van onse eijgen, en na dat wij een gedeelte daer van hebben laten snijden, is daar arrest opgekomen, en nu laat gem: Paijen„ cherij naijro boomen ook afkappen, wij hebben nie„ „mand anders als alleen D E Comp=s, tot ons hulp en bijstand, wijders verzoeke wij, dat het gewas dat gem: Paijencherij naijro gearresteert heeft, gemaaijt mag werden, en den Naijro geordonneert om geen boomen meer te kappen, tot dat die zaak niet afgedaen zal zijn, en ook ordre te willen stellen, dat de Zaak onderzogt mag werden, 't dorp hadaparambij, zijnde een stuk land dat aan den Koning van Aijroer en Cranganoor toehoord, en na 't overlijden van den koning van Aijvoer zijn Eenige van de inwoonders van gem: dorp maar daer geweest om de nieuwe koning te Condoleeren, en om dat de ander re inwoonders niet gekomen zijnde, om volgens hun „ne pligt den nieuwe koning te Condoleeren, heeft zijn hoogh=d van Aijroer hunne landerijen laten arresteeren, en van ider thuijn een trofpi„ „zangsnijen, over welke zaake heeft den koning van 327 Den 13: October In De Stad Cochim A=o 1779: van Cranganoor uwelEd=e groot agtb: geschreeven, dat den koning van Aijroer Eenige baldadig„ „heeden gepleegt heeft, waar over heeft uwelEd=e groot agtb: zeer Ernstelijk aan zijn Hoogh=d geschreeven, en die menschen die de piesang heb„ „ben gesneeden laten op ontbieden, die aldaar nog aan„ „gehouden werden, indien die menschen, van wien den koning van Aijvoer de piesang trossen heeft laten snijen, net des konings onderdanen zijn, zal men zulx bij de examinatie van die zaak kon„ „nen zien, dierhalven verzoeke te mogen weeten, op welke plats die Examinatie zal geschieden, op dat wij ook aldaar konnen laten vinden; de men„ „schen die aldaer aengehouden werden, verzoeke per den brenger deses na herwaerts te willen sen„ „den. getk:/ bij den Prins van Cartamana /:onder„ „stond:/ voor de Translatie van het een en ander Cochim dato als boven /:was get:/ F: V: Ton„ „geven geswoore Translateur Kort daer op liet zijn wel Ed=e Groot Agtb: een ola afgaen aan den koning van TrevaCoer doleeren de over de slegte leverantie van de peper als hier onder blijkt Concept ola door den wel Ed=e Groot agtb: Heer Adriaan Moeris C Den 13. October Jn De Stad Cochim A=o 1779: Moens Road Extra ordinair van Nederlands Jndia mitsgaders gouverneur en Directeur der Custe Mallabaer, Cannara, en wingur„ „la; Aan den koning van Trevan„ „coor geschreeven den 13. ' 8ber: 1774. Ik hebbe u hoogh=d onlangs zoo kragtig onderhou¬ „den over de slegte peper leverantie, strijdende te„ „gen uho=t zoo duur gedaene belofte; Doguhot heeft daar op geen enkeld woord g'ant„ „woord; maer mij eenelijk gesch=n dat Ananda Mal„ „len door uho=t aen mij gesonden wierd; om met mij te spreeken, en ik meende, dat hij toen overdligten zoude spreeken en mij versekering quam brengen, dat te demaqueerende pper: eerstdaags stond geleverd te worden Maar 't geen Ararida Mallen te seggen had, was alleen, om mij te seggen dat uho=t daer was en te vragen, of ik gelegendheid had, om daer bij uho=t te komen waer op ik uko=t hebbe laten weeten, dat ik thans niet van huijs kon, en derhalven wag¬ ten Zoude tot uho=t bij de eene of andere gelegentheijd ver¬ „der na de noord ging en hier passeeren moest, gelijk toen de algemeene spraek ging dat uw ho=t hier voor bij na de noord stond te vertrecken. Hier op is Amanda Mallen gisteren te rug geko„ „men, met een ander brief, alweder sonder verzeeke„ ringe 329 Cochim Den 13 october In De Stad A=o 1774 „ringe, dat de manqueerde pper: spoedig ter schael zoude gebragt worden, maar ik hebbe alleen, uijt die brief gesien, dat uho=t dese weg niet kan uijtkoomen, en der„ halven de zo zeer gewenschte ontmoeting tusschen ons geen plaats kan vinden, 't zijn niet de onderhan„ „den zijnde gebouwen, die mij beletten zoo verre Zuijdwaarts te gaan maer andere en veele aengelege¬ „ner beezigheeden zoo dat Ananda Mallen mij niet wel moet begrepen hebben, dat hij de boodschap niet zoodanig als ik se hem gesegt hebbe, heeft overgebragt mogelijk door gebrek aen vertaelinge om dat toen onse tolk ziek was, en dus de boodschap door een ander is moeten vertolkt worden en dewijl nu uho=t bij die selfde brief zeg, dat uho=t met den koning van Cochim Eenige zaaken aen ons voortehouden heeft en versoekt dat twee leeden uijt den raed met den Eerste tolk na Amballapalij mogen gesonden worden tegens den 14: deser loopende maend, zoo ben ik, seer bereedwillig aen dit verzoek, te vol„ doen en laete derhalven de raedslieden Saffijn en van Spall nevens den Eerste Tolk van Tonge„ ven heeden na Amballapalij vertrecken ten eijn„ de zij den 19: nog daer mogen zijn en de zaeken van uho=t in de koning van Cochim te verstaen Dog dewijl uho=t nopens de per: nog geen antwoord gegeven veel min de manqueerde pper: tot heeden toe nog niet heeft laten leveren, zoo verzoeke (dat
English
The 13th of October, in the city of Cochin, folio 14, front. that Your Highness will now also please explain to these council members for what reasons the pepper delivery proceeds so poorly, and also what expectation I may yet have of it, because I am obliged to give a true report thereof to the High Government in Batavia, and I no longer dare present promises of a better delivery to the same; meanwhile, it grieves me that I, who have the pleasure of living in such good harmony and sincere friendship with Your Highness, must continually have so much displeasure and grief regarding the article of pepper, which is not good and concerning which I request that Your Highness please provide the necessary redress; may God preserve Your Highness. Beneath stood: Translated as such into Malayalam by me, Cochin, date as above. Signed: J. V. Tongeren, sworn translator. On Friday, the Honorable members of the Council departed for Porca, taking along a letter for the King of Travancore, reading as follows: Draft ola by the Right Honorable, Highly Esteemed Mr. Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Malabar Coast, Anno 1774. 331 The 19th of October, in the city of Cochin, Anno 1774: Pursuant to my letter of yesterday delivered to Ananda Mallan, the Honorable members of my Council, Saffin and van Spall, and the first translator, van Tongeren, are departing to Your Highness, who have the honor to deliver this to Your Highness and have come at Your Highness's request to learn what may be of Your Highness's service; may God preserve Your Highness. Beneath stood: Translated as such into Malayalam by me, Cochin, date as above. Signed: J. V. Tongeren, sworn translator. Folio 15, front. On Saturday, a Portuguese report was brought here from Chettua, submitted by the translator there to the Resident concerning the woodland of Battaparatti, as appears hereunder: Translation of the report made by the translator of Chettua to the Resident of Chettua, Carel De Riberto. To conduct an inquiry according to your order concerning Malabar, Cannara, and Vingurla. Written to the King of Travancore on the 14th of October 1774. The 15th of October, in the city of Cochin, Anno 1774: the woodland Battaparatti, which had now been placed under arrest at the request of Paijencherij Nayro, whether Prince Cartamana had enjoyed the benefit of that land for three years past, where paddy was sown last year, and who collected the Company's tithe right; the undersigned, having gone to that place, taking along two persons of the family of Paijencherij Nayro, and some other persons who have knowledge of the aforesaid place, and also informed the Resident of Paponetti to send people of the prince along with the transmission of an ola in that regard, also to Prince Cartamana to send his people, and with that we waited four days, whereupon the Adiodi of Prince Cartamana arrived; and asked in private whether these arable lands are new, it was answered thereto yes, that those arable lands were made this year and that the aforesaid Adiodi gave the right of the Honorable Company and Paijencherij, and left that right in the house of the Christian Nelijcherij Paloe; the undersigned asking of all those men whether Prince Cartamana had enjoyed the benefit of the woodland of Battaparatti from the boundary stone toward the north side in that land, or had made any new arable lands, or whether it was sown thereon last year, 333 333 The 15th of October, in the city of Cochin, Anno 1774: and whether the right of the tithe thereof had been paid to the lessee or not; however, all those persons affirmed no, and the lessee of Paponetti affirmed that in this year alone he has sown that land, and that he has come for that reason to collect that right from the aforesaid boundary stone to the north side, the name of the said lessee being Poelawanibil Changara Nayro; besides this, he said that it is stated in his lease agreement to collect from the limit Careamottom the tithes of the bundles of paddy that are cut just as he collected, and that seven young coconut trees belonging to this place were transferred to that land and concealed without the knowledge and consent of Paijencherij Nayro; many people said that the woodland of Battaparatti belongs to Paijencherij Nayro, because about 72 years ago he took it in pledge from Cosieparattoe Comoe Menon, which written proof rests in the hands of the family of Paijencherij Nayro; furthermore, the family of Paijencherij Nayro testifies that there was never any custom to collect one of the tithe bundles of paddy, but rather that the family of Paijencherij Nayro collected one para out of 10 paras of paddy as the tithe right for the Honorable Company and Paijencherij Nayro. Paijencherij Nayro The 15th of October, in the city of Cochin, Anno 1774: Nayro also said that about 4 years ago now, Prince Cartamana, wishing to collect by force the right called baram, that is, of the gingelly and nachani seed, but the family of Paijencherij Nayro did not permit such during the span of four years; from that time until now, the inhabitants of that land sowed and gave thereof the right of nachani and gingelly to Paijencherij Nayro without the slightest molestation; having inspected those lands properly, he obtained about 15 paras of arable land; all the aforesaid I affirm upon the word of Paijencherij Nayro and several other persons who live there in that land. Chettua, the 12th of October, Anno 1774. Beneath stood: Your Honor's very obedient servant. Signed: L. De Taria, translator. After this, his Right Honorable, Highly Esteemed wrote two olas, one to the King of Cranganore and the other to Prince Cartamana, see the drafts here below: Draft ola by the Right Honorable, Highly Esteemed Mr. Adriaan Moens, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor
Dutch transcription
Den 13 October In De Stad Cochim v=o 14: v=m dat uho=t aen deese raedsleeden, nu ook gelieve te verklae„ „ven om welke reedenen, de pper: leverantie zoo slegte voort gaet, en ook wat verwagting ik daer van als nog hebben mag om dat ik verpligt ben de hooge regeering te batavia daer van een opregt verslag te„ doen en ik beloften tot een betere leverantie niet meer aen deselve durve voordragen; intusschen doet 't mij leed, dat ik die 't genoegen hebbe met uto=t in een zoo goede harmonie en opregte vriend„ schap te leven, omtrent 't articul van de pper geduu rig zoo veele ongenoegen en verdrect moet hebben 't geen niet goed is en waer omtrent ik verzoeke dat uho=t tot het noodig redwes gelieve te bezorgen god be„ waare uho=t /:onderstond:/ zoodanig door mij in 't „maillabaers overgezet Cochim dato als boven /:was getekend:/ J:s V: Tordgeren gesw: Trans„ „lateur Vrijdag vertrocken D' E=s Leeden uijt den Raad naar Porca mede nemende een brieff voor den koning van Trevancoor luijdende aldus Concept ola door den wel Ede Groot Agtb: heer Adriaan Moent Raad Extra ordinair van Neder„ „lands Jndia mitsgaders Gouver„ „neur en Directeur der Custe mal„ labaar A=o 1774. 331 Den 19: October In De Stad Cochim A=o 1774: Ingevolge mijn brieff van gisteren aan Ananda Mallen afgegeven vertrecken na uho=t D E=s Leeden van mijn Raad Saffin en van Spall¬ en den Eerste tolk van Tongeren, de welke va de Eere hebben desen aan uhot te overhandi¬ gen en op uho=t versoek gekomen zijn om van uhot te verneemen wat van uhot dienst is godbew:/ uho=t /:onderstond:/ Zoodanig door mij in 't mallabaars overgezet Cochim da„ ase to als boven /:was get:/ Tongeren 8 gesw: Translateur _=n 15: v=o Saturdag is alhier van Chettua aangebragt een Portugees Rapport door den Tolk aldaer aan den Resident overgegeven wegens de bosschagie van bat¬ taparattij als hier onder Consteert Translaat Rapport gedaane maken door den Tolk van Chettua Aan den Resident van Chettua Carel De Riberto Om ondersoek te doen volgens uEd=e ordre over „labaer Cannara en wingurla Aan den Koning van Trevan¬ coor gesz: den 14: 8ber: 1774.— de „ Den 15:' October In De Stad Cochim A=o 1779: de bosch Battaparattij die nu door versoek van Patjencherij Nuijro g'arresteert was, of den Prins Cartamana 't zeedert drie Jaeren herwaarts dat land G'beneficeert heeft den wel verleeden Jaar Nel„ lij gezaaijt is, en wie de Geregtigheijd van de thien „de van DE Comp: ingevordert heeft; den onderge„ teekend in die plaats vervoegd hebbende meede nee„ „mende twee persoonen van de familie van Paijen„ cherij Naijro, en nog eenige andere persoonen die kennisse hebben van voorm: plaats, en heeft ook aan den resident van Paponettij laaten weeten om volk van den prins meede te senden met toe¬ sending van een ola dierweegen ook aen den prins Carlamana tot het senden van zijn volk en daer meede hebben wij vier daagen gewaagt, als wanneer Adiddij van den prins Cartamara gekomen is, en in particulier gevraagt of dese Zaaijlanden nieuwe zijn wierd daer op g'antwoord van Ja, dat die Zaaijlan„ den deese Jaer gemaakt is en dat voorm: Adiodi de geregtigheyd van D E: Comp=e en Paijencherij ge„ geven heeft, en die geregtigheid in 't huijs van den Christen Nelijcherij Paloe gelaten; den ondergetee„ kende vragende tegen alle die menschen of de bosch van battaparatij van 't scheidsteen na de Noord kand den prins Cartamana in dabland gebene„ „ficeerde dan wel Eenige neuwe Zaaijlanden op gemaakt heeft, of verleede Jaer daer op gesaeid 333 333 Den 15 October In De Stad Cochim A=o 1774: „ is, en de geregtigheid van de thiende daer van aen den pagter betaeld heeft of niet, dog alle die persoonen hebben geaffimeert van neen, ende pagter van Paporiettij affirmeerde dat in dit Jaer alleen dat land bezaaijd heeft dat hij daarom gekomen is om die geregtigheijd in te vorderen, van 't voorm: scheid steen tot na de noord, hand zijnde de naam van gem: pagter Poelawanibil Changara Naijro, buijten des zeide hij dat in de zijn pagt brief vermeld staat om van de limiet Careamot„ „tom te vorderen de thienden van de bosse Nelij die gesneden worden zo als hij ingevordert heeft, en dat seven Jongen klapperboomen in deese plaats gehoorende na dat land geschikt en verduijstert is, sonder teweten en Consent van Paijencherij Naij¬ „ro; veele volk seide dat de bossch van Battaparat„ tij aen Paijencherij Naijro toebehoord wijl hij omtrent 72 Jaeren geleeden van Cosieparattoe Comoe Me„ non in pand genomen heeft en welke schrifte„ „lijke bewijs en handen van de familie van Paij„ encherij Naijro berustende is, verder betuigt de familie van Paijencherij Naijro dat nooijt geen gebruikt is geweest om een van de thiende bossen Nelij te vorderen, maar wel dat de familie van Paijencherij Naijro van 10: parras nelij een para gevordert heeft als geregtigheijd van de Thiende Paijencherij voor DE: Comps en Paijencherij Naijro, Naijro & Den 15 October In De Stad Cochim A=o 1774: Nayro zeide ook dat nu omtrent 4: Jaeren geleeden de prins Cartamana met geweld willende invorderen de geregtigheid genaamt baram dat is van de genser„ „lim en Natjaniezaat, maar de familie van Paijen„ cherij Naijro hebben zulx niet toegestaen geduurende de tijd van vier Jaeren, seedert dien tijd nu toe heeft de inwoonders van dat land gezaeid en daer van de Geregtigheid van Natjanie en genterlim Sonder eenige de minste molestien aen Paijencherij Naijro die landen ter deege liet bezigtigen heeft hij omtrent 15 parras Zaeijlanden gekreegen alle 't voorenstaan„ de affirmeerde ik op het zegge van Paijencherij Naijro en meer andere persoonen die daer in dat land woonen, Chettua den 12: October A=o 1774: /:onderstond:/ uEd en seer gehoorsaemen D=rn /:was get:/ L: De Taria tolk: Hier na schreef zijn wel Ed: Groot agtb: twee olas d:r eene Aan den Koning van Cranganoor en de andere aen den Prins Cartamana, vide de Concepten hier beneden Concept ola door den wel Ed=e Groot Agtb: Heer. Adriaan Moens Raad Extra ordinair van Ne„ „derlands Jndia mitsgaders gouver„ nieur
English
335 The 15 October In The City of Cochim Anno 1774. Governor and Director of the Coast of Mallabaar Cannara and Wingurla To the King of Cranganoor written: the 15 October 1774:— I have already informed your Highness that the dispute over the forest Battaparattij will be investigated, and with that, I believe that your Highness would have been satisfied and would have waited until I had obtained so much information about the matter that the investigation could take place with good success; which is also why I have requested further information on this matter from the Resident of Chettua, since I must first know who has possessed that land for so many years, and as soon as I have obtained that elucidation I shall confer further with your Highness about it. In the meantime, your Highness, as well as the Prince Cartamana, ought to send persons to Chettua who can show evidence that your Highness and Cartamana have possessed that land from of old. The Paijencherijs have produced proofs of ownership to me and say that they have possessed the land for years, and because the latter was reported by the Chettua Resident as credible, I have therefore ordered that the Paijencherijs shall remain in possession until your Highness shall have given evidence of possession and right to this land, and this order must also remain in effect Cochim The 15 October In The City Anno 1774 in effect for as long as I am not better convinced of your Highness's right to this land. The paddy cut there has not been handed over to the Paijencherij, but placed in the hands of a third party, and will be restored to the person to whom it shall be found to rightfully belong. As regards your Highness's complaint that the Paponette Resident has taken the goods of your Highness and his subjects and has not yet restored them, I have on that account demanded an accounting from the Paponette Resident, so that I can only confer with your Highness about it in a few days. Concerning the Nayar Cargallata Christra, I find it quite reasonable that your Highness obliges him to satisfy the dues of your Highness's lands, that is to say, if he is indeed a subject of your Highness; however, the disputed matters with other inhabitants in the Conquest have nothing to do with that and must be investigated and settled here. Your Highness has previously written to me that the King of Aijroer had ordered the banana trees of the subjects of your Highness to be cut down, and their gardens placed under seizure. Thereupon we had those seizures lifted and had the persons who placed the seizures come here to show our resentment over the affront done to your Highness, 337 The 15 October In The city of Cochim Anno 1774: done; but the King of Aijroer declares that they are his subjects upon whom he ordered this to be done, and the Prince Cartamana affirms the same to me in an ola written to me. Your Highness must let me have further elucidation on this matter through the Cranganoor Resident. I should not hope that your Highness has complained unjustly about the King of Aijroer, for finding it to be so, I could in future pay little heed to your Highness's grievances. God preserve you for many years. Another, through the same as above, written to the Prince Cartamana: dated as above: Your Highness has not understood me well, or my ola was poorly translated, if your Highness can read from it that I have awarded the disputed forest Battaparattij to the Paijencherijs. I must inform your Highness further that I only ordered that the Paijencherijs should remain unmolested in possession until it should be investigated to whom the land or forest belonged, and that is because the Paijencherijs have produced proofs of ownership, and said that they have possessed the land for fully 72 years, and this statement was also presented by the Chettua Resident The 15 October In The City of Cochim Anno 1774: presented as credible; and as yet that order must also remain in effect, because I have not yet received any evidence of right of ownership or possession of the same from your Highness nor from Cranganoor. I have requested further elucidation from Chettua as to whether your Highness or the Paijencherijs have been in possession. Only when I have obtained the answer can I determine in what manner the investigation of ownership shall need to take place. Your Highness will therefore do well to proceed to Chettua, or also to send persons thither who can convince the Resident that your Highness has possessed that land. In the meantime, I have given orders that the Paijencherijs shall cut no trees there, but leave everything in such state as it is until the investigation has been made and the judgment rendered.— Upon the complaints of the King of Cranganoor that the King of Aijroer had ordered the banana trees and the gardens of the Cranganoor subjects to be cut down and the gardens placed under seizure, I had the seizures lifted and had the perpetrators of the violence come here to show my resentment over the disturbance of the peace in the Company's Conquest and over the affront done to the Cranganoor people. [illegible]
Dutch transcription
335 Den 15 October In De Stad Cochim A=o 1774. „neur en Directeur den Custe mallabaar Cannara en wingurla Aan den Koning van Cranga„ „noor gesz: den 15 8ber: 1779:— Ik: heb uho= reeds bedeeld, dat 't geschil over 't bosch battaparattij zal werden onderzogt en daar meede meene ik, dat uho=t zig zoude vergenoegd en gewagt hebben tot dat ik van de zaak zoo veel informatie hadde bekomen dat 't ondersoek met een goed succes konde geschieden; waerom ik ook der¬ „weegens nader informatie van den Resident van Chet„ tua gevraagt hebbe, alzo ik voor af moet weeten wie dat land zo lange Jaeren heeft bezeeten, en zo dra ik die Elucidatie bekomen hebbe zal ik uhod dar over nader onderhouden intusschen Zal uhod Zo wel den prins Cartamana persoonen na Chettua diemen te zenden die blijken kunnen toonen dat uho= en Cartamana dat land van ouds hebben bezeeten de Paijencherijs hebben mij bewijzen van eijgen„ „dom geproduceert en zeggen dat zij 't lands: Jae„ „ren bezitten, en dewijl 't laatste door den Chettu„ „assen Resid=t als geloofwaerdig aangeschreeven is zoo hebbe daer op g'ordonneert dat de Paijencherijs in 't bezit zullen blijven tot uho=t blijken van possessie en regt op dit land zal hebben gegeven en deese ordre moet ook blijven stand„ grijpen Cochim Den 15 October In De Stad A=o 1774 „grijpen voor zo lang ik niet beeter overtuijgt worde, van uho=d regd op dit land, de Nelij daer gesneeden is niet aan de Paijencherij overgegeven, maer wel in een derde hand en zal gerestitueert werden aen den geenen die men bevonden zal die na regte te behoo„ ren. Wat aenbelangt uho=t klagte dat den Paponettese Resident de goederen van uhot en desselfs on¬ „derdanen genomen nog niet gerestitueert heeft dierweegens hebbe ik den Paponettese Rezidt verantwoording gevraagt zo dat ik over eenige oa„ gen maer eerst u ho=t daer over kan onderhouden Betreffende den naijro Cargallata Christra vende ik wel billijk dat u ho=t hem verpligt tot de voldoening van de geregtigheeden van uhot landen te weeten indien hij effectief een onder„ daan van uho=e, is, dog de geschil zaken met andere inwoonderen in 't Conquest hebben daer meede niets gemeens en moeten hier onderzogt en afgadaen worden uho=t heeft mij bevoorens gesz: dat den koning van Aijvoer de pisang boomen van de onderdanen van uho=d had laten afsnijden, en derzelver thuij„ ven met arresten beleggen, wij hebben daer op die arresten laten ligten en de perzoonen dewelke de arresten gelegt herwaerts laten komen ons gevoeligt te toonen over 't affronst uho=s aen„ gedaen 337 Den 15 October In De stad Cochim A=o 1774: „gedaen, dog de koning aijvoer verklaart dat 't zijne onderdanen zijn daar hij dit heeft laten doen en den Prins Cartamana, affrimeert zulx bij een ola aan mij gesz uho=t moet mij hier ontrent door den Cranganoorsen Resident nader Elucidatie laten toekomen ik wil niet hoopen dat uho=t zig ten onregte over den koning van Aijroer beswaert heeft, want dit zo bevin„ dende zoude ik in 't vervolg weinig agt kunnen slaan op uho=t beswaernissen god bew: lange Iaeren. Een ander door als boven aan den Prins Cartamana gesz: dato voorm: Uho=t heeft mij niet wel verstaen, of mijn ola is qualijk overgezet, indien uho=t daer uijt kan leesen dat ik 't ingeschil zijnde bosch Battaparattij aen den Paijencherijs hebben toegeweesen; ik moet uho=t, nader onderrigten dat ik alleen ge¬ Ordonneert hebbe, dat de Paijencherijs in 't be„ „sit zoude blijven ongemollesteert tot dat onder„ „zogt zoude zijn wien 't land of bosch behoorde en dat wel om dat de Paijencherijs bewijsen van eijgendom hebben geproduceert, en gezegt dat zij 't land wel 72: Jaeren bezitten en dit gesegde is ook door den Chettuase Rezid=t als. Den 15. October In De Stad Cochim A=o 1774: als geloofwaardig voorgedraagen; en als nog moet ook die ordre blijven standgrijpen, om dat ik nog geene blijken van regt van eijgendom of possessie op 't zelve van uho=t nog van Cran¬ „ganoor heb bekomen, ik hebbe van Chettua nader Elucidatie gevaagt of uho=t of de Paij„ „erscherijs in de possessie zijn geweest wanneer„ ik 't antwoord zal hebben erlangt kan ik eerst bepalen op wat wijze 't ondersoekt van eijgen„ dom zal dienen te geschieden, uho=t zal der„ halven wel doen zig na Chettua te begeeven of ook persoonen derwaarts te senden, die den Resident kunnen overtuijgen, dat uho=t dat land heeft gepossideert, intusschen heb ik ordre gesteld, dat de Paijencherijs daer geene boomen zullen kappen, maar alles in dien staat laaten als 't is tot dat 't ondersoek gedaen en d' uijtsprak geschied is. — Op de klagten van den koning van Cranganoor dat den koning van Aijroer de pisang boomen en de thuijnen van de Cranganoorse onderdanen had laten afsnijden ende thuijnen met arresten beleggen hebben ik de arresten laten ligten en den uijtvoerders van de violentie laten herwaarts komen om mij gevoelig over 't stooren van de rust in sComp=s Conquest en over 't affront den Cran„ ganoorse aengedaen Nie
English
The 15 October In The City Cochim Anno 1774: Now Your Highness says that they are not subjects of Cranganoor but of Aijroer, and requests that it may be investigated. I am not disinclined to this, but fear that this investigation will prove difficult because the possessions in the conquest of the house of Aijroer and Cranganoor have never been properly divided, but everyone has appropriated for himself according to his own discretion, and that we would thereby only revive the old discord; which is not my intention, but rather to maintain peace in the Company's possessions. I have nevertheless requested further elucidation from the King of Cranganoor, and when I have obtained it, that matter will reach its conclusion. May God preserve Your Highness for many years. Was written below: This and that thus translated by me into Malabar. Cochim, date as above. Was signed: P:s V: Tongeren, sworn Translator. 18 Tuesday, His Right Honourable received an ola from the King of Cranganoor concerning the dispute over the woods of Battaparattij, as appears below. Translation of the ola written by the King of Cranganoor The 18: October In The City Cochim Anno 1774: King of Cranganoor written To the Right Honourable Sir Adriaan Moens Councillor Extraordinary of the Dutch Indies as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaer, Cannara, and Wingurla Received the 18: 8ber: 1774: We have received the sent ola, read it, and understood its contents. Your Right Honourable writes to us, according to reports received from the Resident of Chittua, that it is now already 72 years that Paijencherij Naijro possessed the land of Battaparittij, and that we should send people to Chettua to give evidence of that matter to the Resident, and that the harvest should remain in the hands of a third party until then; and that which the Resident of Paponettij has had plundered from our palace and from our subjects, to whom Your Right Honourable has written, shall be returned; and that the King of Aijroer and the Prince Cartamana have written to Your Right Honourable that the village of Coddaparambil belongs to them, and that we have neither inhabitants nor lands there, and that we should write about that to the Resident of Cranganoor. The 19 October In The City Cochim Anno 1774: We and the Prince Cartamana have sent people to Chittua to give a full report of that matter of Battaparittij to the Resident of Chettua. Concerning that which the Resident of Paponettij has had plundered from our palace, we have sent people there to demand it back. Concerning the dispute over Coddaparambil, which belonged to us, we shall explain it in detail to the Resident of Cranganoor. Therefore we request Your Right Honourable to please assist us in all our affairs and to protect us as of old. Signed by His Highness. Was written below: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: P: V Tongeren, sworn Translator. Wednesday, an ola from the King of Cranganoor was delivered here, containing a request for 8000 Rupees on loan against the mortgage of land, and reading as follows: Translation of the ola written by the King of Cranganoor to the Right Honourable Sir Adriaan Moens, Councillor Extraordinary of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaer, Cannara, and Wingurla. Received the 19 8ber: 1774: The 19: October In The City Cochim Anno 1774: The money that we have already paid to the Nabab is well known to Your Right Honourable, as well as the great difficulty with which we obtained that money, for it was partly from the pagoda, partly of our own, and partly what we demanded from our subjects. We still have to pay 13000 rupees to the Nabab, which has been postponed until the 25 7ber / Malabar style / or the 5th of this month, but because we did not have so much in hand by that time, it was again postponed until the 10 8ber or the 20th of this month, at which time we must send that money to Calicoet; and if we do not do so now, we shall have to suffer many molestations from the Nabab. We have no one here who can help us; therefore we most urgently request Your Right Honourable that Your Right Honourable please help us with 8000 rupees, which sum we shall repay to Your Right Honourable with its interest by the coming month of May, while as security for that money we shall give the best lands of the Sandy Land in pawn to Your Right Honourable. We request once again that Your Right Honourable please help us on this The 19. October In The City Cochim occasion with those 8000 rupees; otherwise it will be very difficult for us to endure the molestations that the Nabab will yet inflict upon us. Signed by His Highness. Was written below: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: P:s V: Tongeren, sworn Translator. The 21st, Friday, His Right Honourable wrote an ola to the King of Trevancoor, concerning the return of the Honourable Members, with reference to the matters negotiated with the same, as appears below: Draft of the ola written by the Right Honourable Sir Adriaan Moens, Councillor Extraordinary of the Dutch Indies as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Canhara, and Wingurla, To the King of Trevancoor: The 21: 8ber: 1774. The members of the Council whom I sent to Your Highness at your request returned this morning and have made a report to me
Dutch transcription
339 Den 15 October In De Stad Cochim — A=o 1774: Nu zegt uho=t dat 't geene onderdanen van Cranganoor maer van Aijroer zijn en verzoekt dat 't ondersogt mag werden ik ben daer toe niet ongenegen maer bedugt, dat dit ondersoek beswaarlijk zal vallen om dat de bezittingen in 't conquest van thuijs van Aijroer en Cranga„ „noor munneer behoorlijk verdeelt zijn maar een ider zig na zijn goedvinden, toe g'eijgent heeft en dat wij daer door den ouden tweespakt maer weeder zouden verlevendigen; dat mijn meenin„ „ge niet is, maer wel om de rust in sComp=s be„ sittingen te doen standhouden, ik heb egter van den koning van Cranganoor gerequireert eene nader Elucidatie en wanneer ik die bekomen hebbe zal die zaak haer beslag erlangen god bewaere uho=t lange jaeren /:onder„ „stond :/ van 't een en ander zoodanig door mij in 't mallabaars overgeset Cochim dato als boven /:was getver:/ P:s V: Tongeren geswoore Translateur v=o 18: v=o Dingsdag ontfing zijn wel Ed=e Groot agtb: een ola van den koning van Cranganoor over 't verschil van de bosschagie van battapa„ rattij als hier onder Consteert. — Translaat ola door den _o Koning Den 18: October In De Stad Cochim A=o 1774: koning van Eranganoor gesz: Aan den welEd: Groot agtb: Heer Adriaan Moens Raad Extra ordinair van Neder„ lands Jndia mitsgaders gouverneur en Directeur der Custe malla„ baer Cannara en wingurla ontf den 18: 8ber: 1774: De gezondene ola hebben wij ontfangen geleesen en de Inhoud daer van verstaan, uwelEde. Groot Agtb: schrijft ons volgens bekomene berigt van den Resid=t van Chittua dat nu al 72: Jaeren zijn, dat Paijencherij Naijro 't land Battapa„ rittij possideerde en dat wij volk na Chettua zoude zenden om de blijken van die zaak aen den Rezidt. te geven en dat 't gewas bij een derde hand tot zoo lang blijven zoude, en dat 't geen wat den red=t van Paponettij uijt onse paleijs en van onse onderdaenen heeft laten plunderen aen wien uwelEd=e groot agtb: gesz: heeft zal te„ rug gegeeven werden, en dat den koning van Aijroer en den prins Cartamana gesz: hebben aen uwelEd Groot agtb dat 't dorp Coddaparambil aen haer lieden Compiteert, en dat wij daer geen Jnwoon„ ders nog landerijen hebbe, en dat wij daer over aen den Reside van Cvanganoor schrijven zoude 341 Cochim Den 10:' October In De Huo A=o 1774: 19: v=o zoude wij en den prins Cartamana hebben volk na Chittua gesonden om een volkomen berigt van die zaak van battaparittij aen den Resident van Chettua tegeven, over 't geen wat den Resi„ dent van Paponettij uijt ons paleijs hebben la„ „ten plunderen hebben wij volk daer na toe gezonden om de selve terug te eijschen, wegens 't verschil van Coddaparambil Welke ons Compiteerde zullen wij breedvoerige aen den Resident van Cranganoor te verstaan geeven, derhalven verzoeken wij uwel Ede. Groot agtb: om ons in alle onse Zaa¬ ken te willen helpen en ons als van ouds te protegeeren get:/ bij zijn hoogh=t /:onderstond:/ voor de Translatie Cochim, dato als boven /:was get:/ P: V Tongeren gesw: Translateur woensdag is alhier aangebragt een ola van den koning van Cranganoor behelsende versoek oo 8000 Rop=s ter leen op onderpand van landerij, en luijdende aldus Translaat ola door den ko„ ning van Cranganoor gesz: aan den welEd=e Groot Agtb: heer! Adriaan Moens Raad Extra ordinair van Nederlands Jndia mitsgaders gouverneur en - _=o Den 19: October In De Stad Cochim A=o 1774: „betaald, 'Tgeld dat wij den Nabab alreeds hebben is uwel Ed Groot agtb: wel bekend ook met welke groote moeijte wij 't zelve aen dat gelt zijn gekomen, want 't was een gedeelte van deer pagood, Een gedeelte van ons eijgen, en Een gedeelte die wij van onse onderdanen hebben afgevordert wij moeten nog 13000: rop=s aen den Nabab betaelen, welke is uijtgesteld tot op den 25 7ber: / M:s: / of den 5 dezer, maer om dat wij tegens die tijd zoo veel niet in handen had„ „den zoo is 't weder uijtgesteld tot den 10: 8ber: of den 20: deser, als wanneer wij dat geld na lali„ coet senden moeten en indien wij nu zulx niet en doen zullen wij veele molestien van den Nabab moeten ondergaen, wij hebbe hier nieemand, die ons kan helpen, derhalven verzoeke wij uwel Ed=e groot agtb: zeer instandig dat uwel Ede Groot Agtb: ons met 8000: rop=s gelieft te helpen, welke somma wij tegens den aanstaande maend van Meij met dies intrest uwel Ede. Groots agtb: weder Zullen voldoen, terwijl tot verzeekering van dat geld zul¬ len wij de beste landerijen van 't Sandigland tot een parct aen uwel Ed=e Groot agtb: geven wij verzoe ke nogmaals dat uwel Ed=e groot agtb: ons bij en Directeur der Custe mallabaer Cannara en wingurla ontf: den 19: 8ber: 1774: dese 343 Den 19. October In De Stad Cochim dese gelegendheijd met die 3000 rop=s gelieft te hel„ „pen anders Zal Zeer moeijelijk voor ons wee¬ sen om die molestien die den Nabab ons nog toebren„ „gen zal uijtterstaen getk: bij zijn hoogho=d onder„ „stond :/ voor de Translatie Cochim dato als boven was gete S:s v: Tongeren geschr: Translateur d=n 21: d=m Vrijdag schreef zijn welEd: Groot agtb: een ola aen den Koning van Trevancoor, over de te rug komst van d' E=s Leeden, met betrecking van de verhandelde Zaken met deselve als hier onder Consteert Concept ola door den welEd=e Groot agtb: Heer Adriaan Moens Raad Extraordis„ nair van Nederlands Jndia mitsgaders gouverneur en Direc„ „teur der Custe mallabaar Cari„ hara en wingurla Aan den Koning van Trevancoer gesz: den 21: 8ber: 1779:. De leeden van den Raad, die ik aan uhot op desselfs verzoek gezonden hebbe, zijn heeden morgen te rug gekomen en hebben mij A=o 1774: Rapport baer
English
Cochin The 21 October In The City Anno 1774: reported; that Your Highness will write to me shortly, and that Your Highness intends to write to Batavia as well, with regard to what recently occurred in the North; and what ought to be done in the future for the security of Your Highness and of the King of Cochin, and that Your Highness has most strongly requested me to present Your Highness's request favorably to Their High Excellencies. I shall therefore await Your Highness's further writing, but as I know how ill it is received that Your Highness, concerning the article of pepper, continually and especially during my administration, is so very negligent, not only regarding what was agreed upon in our contract concerning the pepper, but also regarding the solemn promises that Your Highness has now given to me for three consecutive years upon his royal word, I thus find myself obligated, by virtue of the special affection we hold for one another, to admonish and warn Your Highness in private once more without delay to deliver the missing pepper very quickly, before Your Highness's letter departs for Batavia, if you would wish that 345 Cochin The 21 October In The City I support Your Highness's request with my own, since I would otherwise cause displeasure if I presented with nothing more than ordinary earnestness the request of a prince who, regarding the observance of the easiest and at the same time the principal article of the contract during my administration, has been more negligent than before. Behold, worthy King, a true proof of my sincere friendship toward Your Highness, for what can it matter to me personally whether Your Highness delivers 2000 or 3000 Candies of pepper to the south? I do not know how long or short a time I shall yet have to remain here, but this I know: that my grief over the poor pepper delivery will not last very long. But may Your Highness please consider whether the Company indeed has reason to incur so many heavy expenses for the security of an ally who annually so evidently violates the easiest and principal article of the contract. Thus, all of Your Highness's reliance on the Company depends solely on Your Highness yourself, that is, on the strict fulfillment of the contract and on the correct delivery of the pepper stipulated therein. For what would motivate the Company to bear such heavy expenses for fortifications and militia here The 21 October In The City Cochin Anno 1774 for the sake of a handful of pepper, which the Company can obtain anywhere with its money for a single stuiver more, without all those expenses of fortifications, militia, etc.? And thus I advise Your Highness once again to deliver the missing pepper quickly, before Your Highness's letter goes to Batavia; for although I have on one occasion and another reported the full pepper delivery upon Your Highness's solemn assurances, Your Highness should not flatter himself that I will again be so incautious, as I will, on the contrary, be able to report directly to Batavia how much pepper Your Highness has actually delivered. And Your Highness should flatter himself even less that the usual excuses of crop failure, or severe drought, or heavy rains, etc., will find any acceptance with the High Government, as they also know very well in Batavia where the pepper remains that is withheld from the Company annually. The friendship that exists between us compels me to send this letter to Your Highness without delay. [was written below] Translated into Malayalam by me as such, Cochin, date as above. [was signed] S. v. Tongeren, sworn translator. Furthermore, an ola was brought here written by Paiyencherij Oelatto Condij Nayar to the Resident of Chettua, reading as follows: Translation 8 347 The 21 October In The City Cochin Translation of the ola written by Paiyencherij Oelatto Ittij Condij Nayar and Manattamparambatta Ittij Comen Nayar to the Resident of Chettua, received the 21 October 1774. Yesterday the interpreter was here and informed me that Your Honor had received orders from the Honorable, Highly Esteemed Lord Governor to ask us for the reasons why we had trees felled in the forest of Pattaparattij Caddo at a time when the same was under arrest and before the dispute was decided, this being an act contrary to the law; and that if, upon investigation of the matter, the three families were to lose the lawsuit, they would make restitution for the damage they had inflicted on that forest; and that henceforth they should not fell any trees or underbrush from that forest before and until the matter had been decided; and that formerly, whenever anyone wished to clear the underbrush of that forest, this had to be done with the prior knowledge of the people of the King of Ayroor and a certain fee had to be paid to them. We shall provide Your Honor with a true account of the old custom regarding this. Anno 1774:
Dutch transcription
Cochim Den 21 October In De Stad A=o 1774: rapport gedaen; dat uho=t eerstdags aen mij schrijven zal, en dat uho=t voorneemens is, ook na Batavia te schrijven, met betreckinge, tot 't on„ langs g'exteerde om de Noord; en 't geen in den aenstaende tot zeekerheid van uhot. en van den koning van Cochim diend gedaen te worden en dat uho=t mij op 't kragtigste heeft laten verzoe„ „ken, om uho=ts verzoek favorabel aen haar hoog Edelheedens voortedragen, ik zal dus uho=t nader schrijvens verwagten, dog dewijl ik weet hoe qualijk 't genoomen word dat uho=t omtrend 't articul van de pper: geduurig en inzonderheijd en mijn bestier, zo zeer nalaten„ „de is niet alleen in 't bedongene bij ons Contract nopens de pfter: maer ook in de duure beloften die uho=t nu drie Jaren agter elkander op desselfs koninglijk woord aen mij gegeven heeft, zoo vinde ik mijn verpligt uijt hoofde van de bijzondere genegentheijd die wij voor elkender hebben, uho=t in 't particulier nog spoedig te vermanen en te waarschouwen „te leeveren om tog de manqueerende pper Cito Cito „ al„ voorens uho=t briev na batavia afgaat, indien gaerne zoude zien Dat JR 345 Cochim Den 21 October In De Stad ik uho=t verzoek met 't mijne ondersteune dewijl ik anders ongenoegen zoude geven indien ik niet meer als ordinairen ernst voordroeg 't verzoek van een vorst, die om¬ „trend de onderhouding van 't gemakkelijkste en teffens voornaemste articul van 't Contract geduurende mijn bestier meer als bevoorens nala¬ „tig is. Zie daar waerde koning een regt bewijs van mijne opregtig vriendschap omtrend uhot want wat kan mij in 't particulier verscheelen of uhot om de zuijd 2000: of 3000 Candijlen pter: leverd ik weet niet hoe lang of kort ik hier nog zal moe„ „ten blijven dat dit weet ik, dat mij verdriet over de slegte jter leverantie niet zeer lange duuren zal maer u hot gelieve zig te herinneren of de Comp wel reede heeft, om zo veele swaere onkosten te doen, voor de veiligheijd van een bondgenoot, die 't gemakkelijkste en voor„ naemste articul van 't Contract, Iaarlijks Zo evident overtreeden dus hangd alle uho=t. vertrou¬ „wen op de Comp=s eenelijk of van uho=t zelfs dat is van de stipte nakoming van 't Contract en van de rigtige leverantie van de daer bij bedange pper: want wat zoude de 2 Comp=s tot moveeren, om hier zulxe swaa„ „re onkosten van fortificatie en Militie te drae„ A=o 1774. gen Den 21: October Jn De Stad Cochim A=o 1774 „gen, om de wille van een hands vol pper: die de Comp=s met haer geld, voor een Stuijvertje meer, over al krijgen kan, zonder alle die on„ kosten van fortificatie Militie Av=t En dus rade iuho=t als nog om tog spoedig de manqueerende pper: te leveren, alvoorens uho=ts brief na Batavia gaet, want schoon ik wel eens en andermaal op uho=ts duure verzekeringen Communicatie van de volle per: leverantie gedaan hebben, Zo gelieve uhot zig niet te vlijen, dat ik weder zoo onvoor„ zigtig zijn zal, alzo ik ter Contrarie, na Ba„ „tavia regt uijt kunnen geven zal, hoe veel ppper: uho=t maar geleevert heeft, en uho=t gelie„ „ve zig nog minder te vlijen, dat de ordinaire exepties, van misgewas, of groote droogte of Zwaare regens etc= bij de Hooge Regeeringe eeni„ „ge ingang zullen hebben, alzoo men te batavia ook zeer wel wiet waarde pper: blijft, die de Comps. Jaarlijks onthouden word de vrindschap die tusschen ons is, noodzaakt mij dese brief nog spoedig uho=t toetezenden /:onderstond:/ zooda„ nig door mij in 't mallabaars overgeset Cochim dato als boven /:was get:/ S: v: Tongeren gesw: Translateur Voorts is alhier een ola aangebragt door Paijencherij oelatto Condij Naijro aan den Resident van Chettua gesz: luijdende also Translaat 8 347 Den 21: October In De stad Cochim Translaat ola door Paijen„ „cherij oelatto Jttij Condij Naijro en Manattamparambatta gt„ tij Comen Nairo gesz: Aan den Resident van Chettua ontf: den 21: 8ber: 1774. — Gisteren is den tolk hier geweest, en heeft mij te verstaen gegeven, dat uEd=e ordre van den welEde. Groot Agtb: heer gouverneur had ontfangen, om van ons reeden te vraagen, waarom wij de boomen van 't bos pattaparattij Caddo haden, laten kappen in een tijd dat 't selve g'arresteert; en eer de questij gedecideert was, als zijnde een gedoente dat tegens 't regt streed, en wanneer bij onsersoek van zaake de drie families 't proces quamen te verliesen, zij vergoeding zoude doen, van de schae„ de die zij aen dat bos hadden toegebragt, en dat zij voortaen geen boomen nog wildernissen van dat bos zoude mogen afkappen voor en al eer dat de zaek niet gedecideert was en dat voor deesen wanneer men de wildernissen van dat bos wilde haffen zulx met voorkennisse van 't volk van den Koning van Aijroer moeste doen en haer zeker geregtigheijd betalen wij zullen uEd hier op een ware, notitie geven van de oude Cusantie A=o 1774:
English
The 21st of October In The City of Cochim custom and the nature of this matter. In ancient times, whenever we were in need of firewood for our own use, we had the same felled in that forest, but asked no permission from the people of Aijroer. Now we have done nothing else than having a small hollowed-out tree felled, and if we have no right to that forest, we will willingly undergo such punishment for the felling of that tree as the Honorable Company will be pleased to impose on us. We have proof over 72 years old; therefore we request Your Honor to give notice thereof to His Right Honorable, and to do your best to protect us according to law and equity. It is now 6 days ago that the interpreter came into the forest of Battaparaticaddo and learned from the inhabitants, the tenant Poelaparambo Cangara Naijro, and the Addioddij what the ancient custom was; and everything they said to the interpreter and to us was written on an ola and handed over to the interpreter. The Moors who killed the Christian Pallapattij Thome, named Siamoe, Sijderoos Coenje Marcar, and Jenij Nijderoos, we will send to the fort upon apprehension. Signed by the Paijencherij Naijros. Below stood: For the translation, Cochim, Anno 1774. Anno 1774. 349 Cochim Cochim, date as above. Was signed: F. v. Tongeren, Sworn Interpreter. 24th ditto, Monday, His Right Honorable received an ola from the King of Trevancoor, of contents as follows: The 21st of October In The City Translation of an ola written by the King of Trevancoor to the Right Honorable Adriaan Moens, Extraordinary Member of the Council of the Dutch Indies, and Governor and Director of the Malabar Coast, Canara, and Wingurla, received the 24th of October 1779. We have received, read, and understood the contents of Your Right Honorable's letter. With the arrival of the members from the Council and the Chief Interpreter, we have made the matters known to Your Right Honorable, and do not doubt that they will have reported on everything prior to the receipt of this. Therefore, we request Your Right Honorable to take the aforementioned matters into consideration and to send us the reply via Ananda Mallen. Written by Balia Melesetta Canaka Amanja Cochim The 24th of October In The City folio 28 Anno Ananja Peroemael, and signed by His Highness. Below stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: S. V. Tongeren, Sworn Interpreter. Friday was brought here an ola from the King of Cranganoor, containing several matters of his subjects residing in the conquest of Paponettij, as can be read below. Translation of an ola written by the King of Cranganoor to the Right Honorable Adriaan Moens, Extraordinary Member of the Council of the Dutch Indies, and Governor and Director of the Malabar Coast, Canara, and Wingurla, received the 28th of October 1779. In ancient times, the Resident of Paponettij did not undertake such wanton acts against us and our subjects as now. The Nayar Cargolatta Christna has caused us much grief, and gave the Resident Anno 1774. 351 The 28th of October In The City of Cochim Anno 1774. one misrepresentation for another, just as the Resident in the past month of January placed the paddy from the sowing fields of the Nayar woman Paijnatto into third-party hands. Cargolatto Cristna has no claim on the estate of Paijnatta. It is now 8 to 10 days ago that we sent Moecanheratta Jehenen and Hamanelte Jttij Raritja to the city to make all these matters known to Your Right Honorable. We leased lands to Corgolotta Christna, but because he did not properly pay the annual bitjaar, the principal was settled with the annual bitjaar; yet in the past month of March, he, Corgolotta Christna, told our former administrator of Attiporottoe that he would deliver all the bitjaar to him, and received the receipt. Furthermore, concerning the matters of Jttiraritja, Paijnetto, and Corgolatto, in the year 1779 in the month of March, by order of the Right Honorable Governor Senff, they were examined by impartial respectable men in the city, and according to the verdict, an ola was written between the parties, as Your Right Honorable will clearly be able to understand therefrom. We currently have many affairs; therefore we request Your Right Honorable Cochim City The 28th of October In The City Anno 1774. to have the matters of Jttiraritja and Jehenen examined and settled as soon as possible and to send them over here; our ragidores will make the rest known to Your Right Honorable. Signed by His Highness. P.S. Cargolotta Christna took the Nayar Canna parambatto Ramen with him to Cochim without the knowledge of his parents, where he called on a master baker and promised him a slave and stayed there, and the Nayar Ramen, having arrived here with a lascar, seized a slave of the Nayar Paijakel and transported him to the city, and sold him to that master baker. All the money is held in the hands of Corgollotta Christna, except only 9 fanams that the Nayar Ramen received, as we have heard. Therefore, the parents of Canaparambatto Ramen came to us with their grievances; therefore, we request Your Right Honorable to send the aforementioned slave, Corgolotha Christna, and the Nayar Ramen over here. 9th of November, Wednesday, by order of His Right Honorable, an ola was dispatched by the Chief Interpreter van Tongeren to the King of Cranganoor regarding the settled matters.
Dutch transcription
Den 21: October In De Stad Cochim usantie en de gesteldheijd dezer zaak Jn ou„ de tijden wanneer wij verleegen waren om brand¬ hout tot eijgen gebruik lieten wij 't zelve, in dat bos kappen, maer vroegen geen permissie van 't volk van Aijroer, nu hebben wij niet anders gedaen; als een kleine boom die uijtgeholt. was te laten kappen, en bij aldien wij geen regt op dat bos hebben, willen wij gaenn over 't kap„ „pen van die boom zoodanige straffe ondergaen als DE: Comp=s ons zal gelieven op te leggen wij hebben een bewijs van over de 72: Jaeren oud dierhalven verzoeke uEd=e daer kennisse van aen zijn welEde. Groot Agtb: te geven, en zijn best te doen om ons naregt en debillijkheid te bescher„ „men het is nu 6: dagen geleeden dat den tolk in 't bos van Battaparaticaddo is gekomen en heeft van de Jnwoonders, den pagter Poe„ laparambo Cangara Naijro, en den Addioddij vernomen hoedanig t' oud gebruijk was; en alle 't geene wat zij tegens den tolk en ons gezegt hebben, is op een ola gesz: en aen den tolk overgegeven; de mooren die den Christen Pal„ lapattij Thome om 't leeven gebragt hebben met name Siamoe, sijderoos Coenje Mar„ „car, en Jenij Nijderoos zullen wij bij agterha„ ling naer 't fort senden, getve:/ bij de Paijen„ cherij Naijros /:onderstond:/ voor de Translatie Clochim A=o 1774: A=o 1774: 349 Cochim Cochim doto als boven /:was get:/ F: v: Tonge„ ven geswoore Translateur. 24: v=t Maandag ontfing zijn wel Ed: Groot agtb: een ola van den Koning van Trevancoor van Inhoud als volgt Den 21: October In De Stad Translaat ola door den ko„ ning van Trevancoor gesz: Aan den weled: Groot Agtb: Heer Adriaan Moens Raed Extra ordinair van Nederlands Jndia mitsgaders Gouverneur en Directeur der Custe mallabaar Cannara in wingurla, ontf: den 24. 8ber 1779:— UwelEd=e Groot agtb: brief hebben wij ontf: geleesen en dies Jnhoud verstaen; met de komste van de leeden uijt den Raad en den Eerste tolk hebben wij de Zaeken aen uwel Ede Groot agtb: laten bekent maken, en twijffelen niet of deselve sullen voor den ontfangst deses van alles rapport gedaen hebben, derhalven verzoeken wij uwelEde. Groot agtb: gem: zaaken in overweeging te nemen en ons per Ananda Mallen 't antwoort te laten toekomen gesz: bij Balia Melesetta Canaka Amanja „ Cochim Den 24: october In De Stad v=o 28. A=o Ananja Peroemael en get:/ bij zijn Hooghd /:onderstond:/ voor de Translatie Cochim dato als boven /:was gett:/ S V Tongeren geswoore Translateur. Vrijdag wierd hier aangebragt Een ola van den koning van Cranganoor inhoudende verscheijde zaaken van zijne onderdaanen woonagtig in het Conquest Paponettij als hier beneeden kan geleesen worden. Translaat ola door den Koning van Cranganoor gesz: Aan den welEd: Groot Agtb: Heer Adriaan Moens! Raad Extra ordinair van Nederland Jndia mitsga„ „ders Gouverneur en Directeur der Custe mallabaar Carnara en wingurla ontf: den 28 8ber: 1779: In oude tijden heeft den Resident van Pa„ ponettij tegens, ons, en onse onderdanen Zulke baldadigheeden niet ondernomen zoo als nu den, Naijro Cargolatta Christna heeft ons veele leid toegebragt, en aen den Resident 't een/ A=o 1774. 351 Den 28:' October Jn De Stad Cochim A=o 1774: 't een voor 't ander te verstaan gegeven, gelijk den resid=t in verleede maend Januarij de Nelij van de Jaeijvelden van de naijrose vrouw Paijnatto in een derde hand gesteld, den Cargolat„ „to Cristna heeft geen pretentie op de boedel van Paijnatta, 't is nu 8 â 10: dagen geleeden dat wij Moecanheratta Jehenen en Hamanelte Jttij Raritja na de stad gezonden is om alle dese zaeken aen uwelEd=e Groot Agtb: bekent te maken; wij hebben aen Corgolotta Christna een landerijen in leen pagt gegeven, dog wijl hij de Jaerlijkse bitjaar behoorlijk niet betaeld heeft is 't Capitael met de jaerlijkse bitjaar afge„ reekent dog in de verleede maend Maart heeft hij Corgolotta Christna aen onse geweesene admi¬ nistrateur van Attiporottoe gesegt dat hij alle de bitjaar aen hem zoude bezorgen en heeft de quitantie ontf=n voorts over de zaeken van Jttiraritja paijnetto, en Corgolatto is in 't Jaar 1779: in de maand Maert op ordre van den welEd Groot Agtb: heer gouverneur serff door onpartijdige goede mannen in de Stad on¬ dersogt en volgens uijtspraak bij de parthije wierd een ola geschreeven gelijk uwel Ed Groot Agtb: daer uijt duijdelijk zal kunnen verstaan wij hebben tegenswoordig veele bezigheeden daerom verzoeken wij uwel Ed=e Groot Agtb: dat Cochim Stad Den 28 October In2 A=o 1774: dat de zaeken van Jttiraritja en schenen hoe eer hoe liever te laten ondersoeken en af „maken hen dit heen te senden; overige zal onse ragiadoors uwelEd Groot Agtb: bekent maken get: bij zijn hoogh=t P. S: Cargolotta Christria heeft den Naij„ „ro Canna parambatto Ramen zonder woonken„ nisse van zijn ouders na Cochim mede geno¬ men alwaar bij den eenen bakmeester vervoegt en aen hem een slaef beloofd en daer gebleeven en den Nairo Ramen met een lascorijn alhier gekomen zijnde, heeft een slaef van den Nairo Paijakel opgevat en nade de staed vervoert; en aen dien bakmeester verkogt alle 't geld is berustende in handen van Corgollotta Christra, als alleen 9 fan=r die den Naijro Ramen ontfn. heeft zo als wij gehoort hebben daerom hebben de ouders van Canapa„ rambatto Ramen bij ons met haere be„ „swaarnisse gekomen, derhalven verzoeken uwel Ed=e Groot agtb: gem: slave den Corgolotha Christ¬ „neer „na, en den Naijro Ramen dit „ te zenden. 9: November woensdag is ter ordre van zijn welEd=e Groot Agtb: een ola afgevaardigt door den Eerste Tolk van Tongeren aan den koning van Cranganoor wegens af„ gemaakte _=o
English
353 The 9th November In The City Cochim settled affairs of his highness's subjects residing in the Conquest Paponettij as appears hereunder Draft ola by order of the Right Honourable Lord Adriaan Moens Councillor extraordinary of Dutch India together with Governor and Director of the Coast of Mallabaar Caririara and wingurla written by the First Interpreter van Tongeren to the 2 King of Oranganoor the 9th November 1774: The matters mentioned in your highness's last ola my Illustrious superior the Right Honourable Lord Governor has submitted for examination to the Board of Arbitrators here in this place consisting of seven old and experienced persons, who after investigation had reported that the sown fields projected for the maintenance of the Nair woman Paijnatto must be left to her without any trouble in the world for as long as she lives yet Anno 1774: The 4th November In The City Cochim Anno 1774: yet after her death the family of Corgolotto could make use thereof as the customs of the country bring with them, therefore his Right Honour will send orders to the Resident of Paponettij to hand over the sequestered paddy to the aforementioned woman, but the dispute regarding the receipt passed by your highness's administrator of Altoporotto in favour of Corgolatto without receiving the money, is a great imprudence of your highness's servant, who in that case ought to be corrected, to prevent such abuses; furthermore the matter of Ramanelta Jttij Raritja and Corgolatta concerning a certain outstanding debt has also been investigated and settled to the satisfaction of the parties; regarding the slave boy whom Corgolatto and Cananparambotto Ramen abducted and sold to the master baker, it was found upon examination that both these Nairs made themselves guilty thereof, and therefore his Right Honour sends them over to your highness to be corrected according to their deserts; yet the slave boy will be kept here for so long until the master baker shall have obtained satisfaction for 355 The 4th November In The City Cochim Anno 1774: for his disbursed money, when that boy will also be handed over immediately; and all these settled affairs his Right Honour has ordered me to write and make known to your highness, with the assurance that all the disputes that your highness's subjects have in the Conquest, and who come to address his Right Honour, will immediately be investigated by the aforementioned arbitrators and settled according to law and fairness; God preserve your highness; underneath stood: translated as such by me into the Malabar language Cochim date as above; was signed: S: V: Tongeren sworn Translator. Shortly thereafter his Right Honour received an ola from the prince Cartamana, concerning the village of Coddamagalam, and the forest of battaparattij as can be read hereunder. Translation of the ola written by the Prince of Cartamana to the Right Honourable Lord Adriaan Moens Councillor Extraordinary of Dutch India together with Governor and Director of the Coast of Mallabaar Cannara and wingurla received the 4th November 1774: The The 9th November In The city Cochim Anno 1774: It has pleased your Right Honour to write to us that we should no longer go to the Resident of Paponettij with any matters; now the dispute concerning the village of Coddamagalam has occurred, and the King of Cranganoor pretends that we have no right to that village, and that we had no reason to place an arrest upon that village, wherefore our people are held under arrest in the city; we have sufficient proofs concerning the ownership of the village Coddamangalam; the matter of the woods of Battaparattij also remains unsettled, and the possession thereof the Resident of Chettua has ceded to Paijencherij Nair; those lands belong by right to us and the King of Cranganoor, and the Paijencherij Nairs have no right to them; we have shown our proofs to the Resident of Chettua but he has given no answer thereto, and in addition the aforementioned Paijencherij Nair has also taken to himself the village Careambattam, from which the Honourable Company draws the tithes; and in order to speak in person with your Right Honour about all these matters, and to give a true information thereof, 357 The 9th November In The City Cochim Anno 1774 we have arrived at Baijpin, humbly requesting your Right Honour to permit us a meeting; signed by the prince of Cartamana; underneath stood: for the translation Cochim date as above; was signed: P: v: Tongeren sworn Translator. On Saturday the 7th his Right Honour answered the ola of Cartamana, and demonstrated to him his fickle behaviour regarding the dragging out of decided matters, as can be read hereunder. Draft ola by the Right Honourable Lord Adriaan Moens Councillor Extraordinary of Dutch India together with Governor and Director of the Coast of Mallabaar Cannara and Wingurla written to the Prince Cartamana the 7th November 1774: I see with surprise from your highness's ola that you have come to Baijpin to meet me, without giving me any prior knowledge
Dutch transcription
353 Den 9: November In De Stad Cochim „gemaakte Zaken van zijn hogt=s onderdanen in het Conquest Paponettij woonagtig als hier onder Consteert Concept ola ter ordre van den welEd Groot Agtb: Heer Adriaan Moens Raat extra ordinair van Nederlands Jndia. mitsgaders Gouverneur en Directeur der Custe Mallabaar Caririara en wingurla door den Eerste Tolk van Tongeren aan den 2 Koning van Oranganoor gesz: den 9: 9ber: 1779: De Zaaken vermeld staande bij uho=t Laats¬ „te ola heeft mijnen Jllustren oppergebieder den weled: Groot Agtb: heer Gouverneur ter Examinatie overgegeven aan 't Collegie van de Goede mannen hier ter steede bestaande in seven oude en Ervarene persoonen, die na Gedaan ondersoek van rapport gedient had„ „den, dat de Zaaijvelden geprojecteert tot onderhoud van de Naijrose vrouw Paijnatto aan haar zal moeten gelaaten worden Sonder eenige moeijenisse ter weereld tot zoo lange Zij heeft dog A=o 1774: t Den 4. November In De Stad Cochim A=o 1779: dog na haar dood konde de familie van Corgolotto zig daar van bedienen zodanig als de lands Costumen mede brengen, dierhal¬ „ven zal zijn welEd Groot Agtb: ordre aan den Resident van Paponettij zenden om de gesequestreede Nelij aan voorm: vrouw af te„ geven, maer de questij over de gepasseerde quitan„ tie door uhot administrateur van Altopo¬ rotto ten voordeele van Corgolatto sonder 't geld te ontfangen, is een Groote onvoorzig¬ „tigheijd van uho=t bediende, die in dat geval dient gecorrigeert te werden, tot voor Koming van zulke Abuijsen voorts is de zaak van Ramanelta Jttij Raritja, en Corgolatta over zeeker uijtstaande schuld meede onder zogt en afgemakte ten genoegen van de Parthijen wat belangt de slave Jongen die Corgolatto en Cananparambotto Ramen vervoert en aan den bakmeester verkogt hebbende, is bij examinatie bevon„ den dat die beijde Nairos zig daar aan schuldig gemaakt hebben, en dierhalven send Zijn welEde. Groot Agtb: deselve tot uhd. over om na verdienste Gecorrigeert te werden dog den slave Jongen zal zoo lang hier aangehouden werden tot dat den bak„ meester voldoening zal hebben erlangt van 355 Den 4: November In De Stad Cochim A=o 1774: van zijn uijtgeschootene penn: als wanneer die Jongen dan ook te eersten zal overgegeven wor¬ en alle dese afgemaakte zaeken heeft zijn welEd Groot Agtb: mij geordonneert aan uhot. te Schrij¬ „ven, en bekent temaken, onder verzeekering dat alle de verschillen die uhots. onderdanen in 't Conquest hebben, en deselve zig bij zijn wel Ed Groot Agtb: komen te addresseeren, ten eersten door voorsz: goede mannen zal laten ondersoe¬ ken en na regt en de billijkheijd afdoen god bew: uho=t /:onderstond:/ zoodanig door mij in 't mal¬ „labaars over geset Cochim dato als boven /was getver:/ S: V: Tongeren gesw: Translateur. — Kort daer op ontfing zijn wel Ed Groot Agtb: een ola van den prins Cartamana, over 't dorp van Coddamagalam, en 't bos van battaparat¬ tij gelijk hier onder te leesen is. Translaat ola door den Prins van Cartamana gesz: aan den wel Ed Groot Agtb: Heer Adriaan Mloens Raad Extra ordinair van Nederlands India mitsgad=s Gouverneur en Directeur der Custe Mal„ labaar Cannara en wingurla ontf: den 4: 9ber: 1774:— Het Den 9: November In De stad Cochim A=o 1774: Het heeft uwel Ed=e Groot Agtb: behaagt ons te schrijven, dat wij bij den Resident van Papo„ „nettij niet meer met eenige zaken zoude gaan nu is het verschil over 't dorp van Coddamaga„ „lam voorgevallen, en den koning van Cran„ „ganoor geeft voor dat wij geen regt op dat dorp hebben, en dat wij geen reeden hadden op dat dorp arrest te leggen, waaromme, onse volk in de stad gearresteert gehouden word, wij hebben sufficante bewijsen wegens den Eijgendom van 't dorp Coddamangalam de Zaak van de bosschagie van Battaparattij blijft ook onafgedaan, en de possessie daar van heeft den Rezidt van Chettua afgestaan aan Paijencherij Naijro, die Landerijen komen ons en den Koning van Cranganoor van regts„ „weegen toe, en de Paijencherij Naijros hebben daar geen regt op, wij hebben onse bewijsen aan den rezidt. van Chettua vertoond maer den selven heeft daar geen antwoord op ge¬ geven, en daar en boven heeft gem: Paijenche¬ „rij Naijro nog 't dorp Careambattam na zig genomen, daar d' E: Comp=e de thiendens van trekt, en om over alle deze zaken in perzoon met uwel Ed Groot Agtb: te„ spreeken, en daar een waare Informatie van 357 Den 9 November In De Stad Cochim A=o 1774 van tegeven, zijn wij op baijpin gekomen, uwel Ed Groot Agtb: ootmoedig verzoekende ons tot een ontmoeting te permitteeren, getx: bij den prins van Cartamana /:onderstond: voor de Trans„ latie Cochim dato als boven /:was get:/ P: v: Tongeren geswoore Translateur v=n 7: v=n Saturdag antwoorde zijn wel Ed Groot Agtb: de ola van Cartamana, en de mons„ „treede hem zijn wispeltrurig gedrag omtrent 't verdragjen van besliste zaken, als hier onder kan geleesen werden.— Concept ola door den welEde„ Groot Agtb: Heer Adriaan Moens Raad Extra ordinaire van Nederland Jndia mitsgaders gouverneur en directeur der Custe mallabaar Cannara. en wingurla Aan den Prins Cartamana gesz: den 7: 9ber: 1779: Ik zie met verwonderinge bij uho=ts ola dat dezelve op Baijpin gekomen is, om mij te ontmoeting; zonder mij voor af, eenige kin„ nisse
English
The 7 November In The City of Cochim having given notice thereof, Your Highness says that it is to give me true information regarding your questionable matters, except that these matters cannot be brought to an end by any meeting, because they have not yet come into such a state, but an investigation must first be made into them. It is Your Highness's own fault that the investigation concerning the dispute over Battaparettij with the Paijencherijs has not yet been able to be started. I wrote to Your Highness and the King of Cranganoor to send persons to the Resident at Chettua and have them lay open the right of Your Highnesses there. The persons were indeed sent thither, but not to show or demonstrate the right of Your Highness, but rather to inform themselves there about the right of the Paijencherijs to that land. This seems strange to me and appears to indicate that Your Highness himself cannot produce any evidence of right, and therefore merely wishes to try whether Your Highness could make that of the Payencherijs suspect through sought-out accusations. Of such nature seems to me to be that which Your Highness had inserted into his ola, namely that the Paijencherijs have taken the village of Careambattam to themselves. Anno 1774 359 The 7 November In The city of Cochim Anno 1774 Careambattam. I ask Your Highness whether, a dispute having arisen with the Paijencherijs about the boundaries in the year 1765, an investigation was not made by commissioners into the old, true boundary of the Company's Conquest, and whether it was not found at that time that the mentioned village was situated outside the Conquest and belonged to the Paijencherijs? This was fully agreed to at that time by Your Highness and the King of Cranganoor, and a document thereof was even granted. Your Highness ought to be ashamed now to use this language. It is a shame that a prince busies himself with such subterfuges, and I remain assured that Your Highness cannot bring forward the least proof of right to Battaparattij, unless the old restored boundary division were again called into doubt and altered. Of this Your Highness can be assured, that this is not our intention; the matters once established, which rest on an accurately conducted investigation and fair decisions that followed upon it, shall remain unalterable. Up to now I have not perceived the least evidence of Your Highness's right to Battaparettij, but only a great clamor, to which I am not accustomed 70 The 7 November In The City of Cochim to pay any heed, but only to real evidence. And therefore it will still be necessary for Your Highness to send persons to Chettua to show the Resident there the right of Your Highness and the King of Cranganoor, or at least have declared on what the right of Your Highnesses is founded. I must absolutely know this beforehand, so that I can determine where I can best have the investigation made for the discovery of the truth. The sooner Your Highness shows his proof or gives that declaration, the sooner the investigation will be able to begin. Concerning the difference or concerning the right to the village of Coddamagolom, the King of Cranganoor has undertaken to send us the necessary information through the Cranganoor Resident. But since he has thus far remained in default thereof, I will release the arrested persons this time, in the hope that they will not let themselves be used again so easily for laying arrests and causing harassments on any gardens or lands and goods of inhabitants in the Company's Conquest, wherein we desire that the inhabitants shall live in peace and quiet. God preserve Your Highness. Anno 1774 361 The 7 November In The City of Cochim Anno 1774 Your Highness. Below stood: Thus translated by me into Malabar, Cochim, date as above. Was signed: J. V. Tongeren, sworn Translator. After this, His Right Honorable received an ola from the King of Cranganoor, again concerning the dispute over the forest of Battaparattij, reading as follows: Translation of the ola written by the King of Cranganoor to the Right Honorable Adriaan Moens, Extraordinary Councilor of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director of the Malabar Coast, Cannara, and Wingurla, received the 7 November 1774. Upon receipt of Your Right Honorable's ola, we sent detailed information to the Resident of Chettua concerning our just claim to the forest of Bataparaticaddo, and how our ancestors as well as we have always possessed the same, 8 The 7 November In The City of Cochim which however found no acceptance with the aforesaid Resident, who, upon the loose reports of the Paijencherij Nair, arrested the said forest and caused us to suffer great damage, about which we are extremely distressed, all the more because we learn that our representations deserve no reflection from the Resident. The mentioned Battaparaticadoo belongs to us and Cartamana, each half, just as we have possessed it until now. Therefore we cannot make our grievances in that regard to anyone other than to Your Right Honorable alone, whom we humbly request to make such orders therein that we may possess and keep the same as of old. Signed by His Highness. Below stood: For the translation, Cochim, date as above. Was signed: J. V. Tongeren, sworn Translator. 9 ditto, Monday, His Right Honorable received an ola from the King of Travancore, containing the satisfaction His Highness had taken in the report of the Honorable Members, with the promise that His Highness would send the draft of the letter for His Right High Honorable to his Anno 1774
Dutch transcription
Den 7.N vember In De Stad Cochim nisse daar van te hebben gegeven, uhot Zegt¬ dat 't is om mij een waare informatie tegeven nopens uE: questieuze zaken behalven dat dese zaken door geene ontmoetinge kunnen ten einde gebragt worden, om dat ze nog niet ge„ komen zijn in zodanigen staat, maar daar eerst ondersoek na moet gedaan werden, 't is uho=t eijgen schuld, dat 't ondersoek, omtrent 't „disput over battaparettij met de Paijencherijs, nog niet heeft kunen, werden begonnen, ik hebbe uhot en den koning van Cranganoor aange¬ schreeven, om perzoonen bij den Resident te Chettua te senden en daer deselve 't regt van uw hoogheedens te laten openleggen; de perzoonen zijn wel derwaards gezonden, dog niet om 't regt van uhot aante toonen of te demonstreeren, maarwel om zig daar te informeeren na het regt der Paijencherijs op dat land, dit komt mij vreemt voor en schijnt te kennen te geven, dat uho=t, zelfs geen blijken van regt kan voortbrengen en daa„ rom maar proobeeren wild, of uho=t dat van de Payencherijs zoude kunnen suspect maken, door gezogte beschuldigingen, van dien aart schijnt mij te weesen, die welke uho=t bij zijne ola heeft laten invloeijen namentlijk dat de Paijencherijs 't dorp Careambattam A=o 1774: 359 Den 7 November In De stad Cochim A=o 1774. Careambattam na zig genomen hebben ik vrage uhot, of in anno 1765 geschel over de limieten, met de Paijencherijs, ontstaan Zijnde, niet door gecommitteerdens is onder„ „soek gedaan; na de oude waare liemiet van sComp=s Conquest en of als toen niet bevonden is, dat 't gem: dorp buijten 't Conquest gele¬ gen en aen de Paijericherijs behoorende was, dit is te dier tijd, door uho=t en den Koning van Cranganoor volkomen toegestemt en zelfs daar van een geschrift verleent uhot behoorde zig te schamen, nu deese taal te voeren; het is schande dat een prins, zig met zulke draijerijen op hout en ik houde mij verzekert, dat uho=t geen het minste bewijs van regt op Battaparat„ tij kan bij brengen, ten waare de oude herstelde limiet schijding weder in twijf¬ fel werde getrocken, en verandert, hier van kan uho=t verzeekert zijn, dat dit onse meening niet is, de eens vast gestelde Zaa„ „ken die berusten op een naauwkeurig gedaan ondersoek, en daer op gevolgde billijke beslissini¬ „gen zullen onveranderlijk blijven; tot nog toe hebbe ik geene de minste blijk van uho=t regt op Battaparettij ontwaard; maer wel een Groot geroep, waar op ik niet gewoon ben 70 Den 7: November In De Stad Cochim ben eenigagt te slaan, maar alleen op reeele blijken; en daarom zal het nog nodig zijn dat uhot perzoonen, na Chettua Zend, om aldaar aan den Resident te laten vertoonen, het regt van uhot. en den Koning van franganoor of ten minsten doen verklaren, waar op uhoogheedens regt gegrond is, ik moet dit absoluijt vooraf weeten ten eijnde ik mij kan bepalen, waar ik, 't, ondersoek best kan laten doen, ter ontdeckinge, der waar„ heid, hoe Eerder uho=t zijn bewijs laat ver„ toonen, ofte die verklaringe geerd, hoe Eer¬ „der 't ondersoek zal kunnen beginnen. Over het verschil of over 't regt van 't dorp Coddamagolom heeft den Koning van Cranganoor aangenomen, ons door den Eranganoorse Rezident de nodige Jnfor„ matie te laten toekomen, dog de wijl bij daarmeede, dus lange is agter gebleeven, zal ik de g'arresteerde perzoonen ditmaal largeeren, in hoope, dat ze zig zo ligt niet weder zullen laten gebruijken, tot 't leg¬ gen van arresten en doen van molesten op Eenige thuijnen of landen en goederen van ingezeetenen in s Comp=s Conquest waar in wij begeeren, dat de Inwoonders in rust en vreede zullen leeven godbew: uho=t A=o 1774. 361 Den 7 November In De Stad Cochim A=o 1774: uho=t /:onderstond:/ zoodanig door mij in het mallabaars overgezet Cochim dato als boven /:was gett:/ J: V: Tongeren gesw: Translateur Hier na ontfing zijn wel Ed=e Groot Agtb: Een ola van den koning van Cranganoor; alweeder over het verschil van 't bos battapa¬ rattij Luijdende aldus Translaat ola door den ko„ „ning van Cranganoor gesz: aan den welEde. Groot agtb: Heer Adriaan Moens Raad extra ordinaire van Ne„ „derlands India mitsgaders. Gouverneur en Directeur der Custe mallabaar Cannara en wingurla, ontf: den 7: 9ber: 1774 Op den ontfangst van uwelEd: Groot agtb: ola hebben wij een omstandige Informatie gesonden aan den Residt. van Chettua, wegens onse regtvaardige pretentie op de bosschagie van bataparaticaddo, en hoe dat onse voor„ Zaten soo wel als wij deselve altoos gepossideert hebben 8 Den 7: November In De Stad Cochim vn hebben, 't geen Egter geen plaats had gevonden bij de Resident voorm:, die op de losse berig„ ten van Paijencherij Naijro gem: bosschagie g'arresteert en ons groote Schaade heeft doen lijden, waar over wij ten uijttersten aangedaen zijn, te meer om dat wij verne„ men dat onse Representatien geen reflexie bij den Rezident verdienen, gem: Batta„ paraticadoo komt ons, en Cartamana ider de helfte toe, zoo als wij tot dus lange ge„ possideert hebben, dierhalven kunnen wij onse beswaarnissen dien aangaande aan nie maand anders doen als aan uwelEd Groot agtb: alleen, die wij ootmoedig verzoe„ ken daarinne zoodanige ordres te stellen dat wij deselve als van ouds mogen possi¬ deeren inbehouden get. bij zijn ho=t /:on¬ „derstond:/ voor de Translatie Cochim dato als boven /:was getver:/ J:n V: Tongeren geswoore Translateur. 9: d=o Maandag ontfing zijn wel Ed: Groot Agtb een ola van den Koning van Trevancoor Inhoudende 't genoegen dat Zijn hot genoo¬ men had aan 't Rapport van d' E=s Leeden met belofte dat zijn ho=t het Concept van de brieff voor zijn hoog Edelheijd aan zijn A=o 1774:
English
Anno 1774. The 9th of November In The City of Cochim. His Right Honourable would send, as reads hereafter: Translation of an ola written by the King of Trevancoor To the Right Honourable Sir Adriaan Moens, Councillor Extraordinary of the Dutch Indies as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Cannara, and Wingurla; received the 9th of November 1774. The letter which Your Right Honourable sent via Ananda Mallen, we have received, read, and understood its contents, by which we have seen that the Gentlemen of the Council whom Your Right Honourable sent to us had, upon their return there, reported to Your Right Honourable all that we and the King of Cochim had submitted to them, and that Your Right Honourable would favourably propose our request and grant the letter a speedy address to Batavia, whereat we are very satisfied. We shall deliver the draft of the letter for His The 9th of November In The City of Cochim Anno 1774. His High Honour to Your Right Honourable through Ananda Mallen, so that Your Right Honourable might know its exact contents, with a very friendly request that Your Right Honourable may please present our request and that of the King of Cochim in the most favourable manner to Their High Honours, and make your utmost efforts that we may obtain a comforting answer; we do our utmost to deliver the stipulated pepper annually to the Honourable Company, but since for several consecutive years, due to lack of rains, the pepper harvest has been very poor, we could not fulfil our promise, as Your Right Honourable very well knows. Yet from Your Right Honourable's letter we have seen to our sorrow that Your Right Honourable understood this matter quite differently. Therefore we request Your Right Honourable to let us know in reply to this that Your Right Honourable has understood the true reasons thereof, under true promise that we shall not cease to do our utmost to deliver to the Honourable Company all the pepper growing in our country, and without allowing a single grain to be transported through clandestine channels, The 9th of November In The City of Cochim. to deliver, for which purpose we have already sent the requisite orders to our Ragidors. After the meeting of the Paliath Achan with Your Right Honourable in the city, he wrote to us in detail all that Your Right Honourable had said to him, and we forthwith sent him an answer thereto, which we hope he will have already communicated to Your Right Honourable. Written by Balia Meleseetta Canaca Ananja Peroemaal and signed by His Highness. Below stood: for the translation, Cochim, date as above. Signed was: J. V. Tongeren, sworn translator. Wednesday, by order of His Right Honourable, an ola was dispatched by the first interpreter Van Tongeren to the Paliath Achan, with a recommendation that he must be cautious regarding the impounding of the moneys that the Christians must pay on the gardens and lands of the Cammottijs. Read the draft below: Draft ola by order of the Right Honourable Sir Adriaan Moens, Councillor Extraordinary of the Dutch The 11th of November In The City of Cochim Anno 1774. Dutch Indies as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar, Cannara, and Wingurla, written by the first interpreter Van Tongeren to the Paliath Achan, the 11th of November 1774: The report that you sent to my illustrious superior, the Right Honourable Sir Governor, concerning the debts of the Cammottijs of Angecarro to the Canarese Pagoda, His Right Honourable has read with attention, and ordered me to serve you in reply that His Right Honourable, in matters of the administration of justice, very willingly desires that proper justice be done to everyone, especially to His Highness the King of Cochim regarding the impounding of the debt of the said Cammottijs and the repayment to their creditors from the moneys that the said Cammottijs are owed on the gardens and lands that they are to hold in lease from the Christians. But His Right Honourable is apprehensive that under that pretext the Canarese of the pagoda might arrogate a certain superiority over the Christians (whom The 11th of November In The City of Cochim Anno 1774. whom they call their subjects, contrary to the authority of the King and the Honourable Company, who alone have subjects) and cause them to be dislodged from those gardens and lands so that they might have them inhabited and cultivated by their own nation itself, whereby many difficulties might then arise, and the Honourable Company will not tolerate that the least harm be done to its subjects, nor that their lands be placed under attachment. Therefore you are recommended to handle this matter with the utmost prudence and not to abuse His Right Honourable's benevolence, and furthermore to lay open directly according to custom before His Right Honourable the matters that the Christians have outstanding with the Cammottijs, whereupon the necessary orders conforming to equity will be given, and the Christians will be constrained on behalf of the Honourable Company to render and pay their debts or arrears of lease moneys to His Highness; as otherwise His Right Honourable does not at all intend to permit that any attachments on lands be placed on behalf of His Highness or anyone else.
Dutch transcription
363 A=o 1774: Den 9. November In De Stad Cochim zijn welEd: Groot Agtb: zenden zoude, als hier onder luijd Translaat ola door den Koning van Trevancoor gesz: Aan den welEd: Groot agtb: Heer Adriaan Moens. Raad Extra ordinaire van Nederlands Jndia mitsgaders Gouverneur en Directeur der Custe mallabaar Cannara en wingurla; ontf: den 9: 9ber: 1774: De brief die uwel Ed=e Groot agtb: per Ananda Mallen gezonden heeft hebben wij ontfan„ gen geleesen en dies Jnhoud verstaan waar bij wij gezien hebben, dat de Lieden van den Raad die uwel Ed=e Groot agtb: bij ons gezonden heeft met hun te rug komst aldaar aan uwel Ed Groot Agtb: gerapporteerd hadden al het geen wij, en den koning van Cochim hun voorgehouden hadden, en dat uwelEd: Groot agtb: ons verzoek favorabel zoude voor„ dragen, en de brief een spoedige addresse na t batavia verleenen, waar over wij seer vergenoegt zijn wij zullen 't Concept van de brief voor zijn Den 9. November In De stad Cochim A=o 1774: Zijn hoog Edelheijd door Ananda Mallen aan uwelEd: Groot Agtb laten intragee„ ren, op dat uwelEd: Groot agtb: dies Eijgent¬ lijk Jnhoude zoude mogen weeten, met Zeer vrindelijk versoek dat uwelEd=e Groot agtb: behaagen mag 't verzoek van ons en dat van den koning van Cochim op de favorabelste wijze aan haar hoog Edelheedens gelieve voortedragen en desselfs uijtterste poogingen aantewenden dat wij een troostelijk antwoord mogen Er„ „langen; wij doen onse uijtterste best om de bedongene pper: Jaarlijks aan d' EComp=s te leveren, maar dewijl Eenige Jaeren agter een door gebrek aan reegens 't gewas van de per seer slegt is geweest, konden wij onse belofte niet nakomen, gelijk uwelEd Groot agtb: seer wel weet, dog bij uwelEd Groot agtb: brief hebben wij tot ons leedweesen gezien, dat uwelEd Groot agtb: die zaak gants anders begreepen heeft, dierhalven verzoeken wij uwelEde. Groot agtb: ons in antwoord deses te laten weeten dat uwelEd=e Groot Agtb: de regte reedenen van dien begreepen heeft onder ware belof¬ „te dat wij niet ophouden zullen ons uijtterste best aan tewenden, om alle den pper: in ons land vallende en Zonder een Corl door Sluijk¬ weegen te laaten vervoeren aan d' E Comps te leeveren 365 Den 9. November In De stad Cochim 11: v: leeveren waar toe wij reets de vereijschte ordres aan onse Ragiad=s gesonden hebben naar de ontmoeting van den Paljetter met uwelEde Groot agtb: in de stad heeft hij ons omstan„ „dig gesz: alle 't geene uwelEd=e Groot agtb: te„ n „gens hem gezegt heeft, en wij hebben hem ten Eersten daar antwoord op gezonden, 't geen wij hoopen hij reets aan uwelEde Groot agtb: zal te verstaan gegeven hebben gesz: bij balia Me„ lesetta Canaca Ananja Peroemaal en get: bij zijn ho=t /:onderstond:/ voor de Translatie Cochim dato als boven /:was gete:/ I: V: Ton„ geven geswoore Translateur. woensdag is ter ordre van zijn wel Ede Groot Agtb: een ola door den Eerste Tolk van Tongeren aan den Paljetter afgevaar„ digt, met recommandatie dat hij voorzigtig moet zijn omtrent de Jmpalming van 9 de penn: die de Christenen op de thunen„ en Landerijen van de Cammoltijs betalen moeten Leesen het Concept hier beneden Concept ola Ter ordre van zijn welEd=e Groot agtb: Heer Adriaan Mloens Raad Extra ordinair van Nederlans A=o 1774. =r Den 11 November In De Stad Cochim A=o 1774 Nederlands Jndia mitsga„ „ders gouverneur en Directeur der Custe mallabaar Cannara en wingurla, door den Eerste tolk van Tongeren aan den Paljetter gesz: den 11e: 9ber: 1774: Het berigt dat uE gesonden heeft aan mijn Jllusteren oppergebieder den welEd=e. Groot agtb: heer gouverneur wegens de schulden van de Cammottijs van Angecarro aan de Canna¬ rijnse Pagood heeft zijn wel Ed=e Groot agtb: met aandagt geleesen, en mij g'ordonneert uEd= daar op in antwoord te dienen, dat zijn wel Ed=e Groot agtb: in Cas van regtsoeffening seer gaarn een ider goed regt wilo laaten wee¬ der vaaren Insonderheid aan zijn hot den koning van Cochim omtrent de impalming van de schuld van gem: Cammottijs en af¬ betaling aan derselver Crediteuren, uijt de penn: die gem: Cammottijs te goed hebben op de thuijnen en Landerijen die zij in leen pagt van de Christenen moeten hebben, maer zijn wel Ed Groot agtb: is bedugt dat onder dat pretext de Cannarijns van de pagood die een zeker supperioreijt over de Cristenen (dewelke 367 den 11 November In De stad Cochim A=o 1774. dewelke zij haare onderdanen noemen strij¬ „dende tegens 't ontzag van d' koning en d. o E: Comp=e die maar alleenig onderdanen heb¬ ben zig zoude aanmatigen, en haar van die thuijnen en Landerijen te doen delogee¬ ren op dat zij door haare natie selfs zoude laten bewoonen, en beplanten, waar door dan veel moeijelijkheeden zoude konnen ontstaan, en d' E Comp=s niet tollereeren dat aan hare onderdanen geen 't minst Leed geschiede de, nog hare Landen, met arrest te beleggen, daarom werd uEd gerecommandeert deze zaak met de meeste voorzigtigheijd te„ behandelen, en geen misbruijk te maken van zijn welEd=e Groot agtb: goedheijd, mits¬ „gaders de zaken die de Christenen met der Cammottijs uijtstaande hebben direct te naar de Gewoonte aan zijn welEd=e opente¬ leggen wanneer daar omtrent de noodige ugst ordres met de billijkheid over eenkomende zal gegeven werden, en de Christenen van wee¬ „gens d' E: Comp=s Constrigeeren om hunne Schulden off agterstallige pagt penn: aan zijn hot op te brengen, en te betalen also anders zijn wel Ede. Groot agtb: in 't geheel niet verstaen wilt dat van wegens zijn ho=t of ijemand anders eenige arresten op Landen en M mijn