VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 10687

Cape · 526 pages · 57 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_10687_0154 view scan ↗

English

so we were present there this morning at seven o'clock, and found the seam of the garboard strake under water; but, as an indication of the ship's keel was to be made by a person assisting those contractors, a grain shovel was taken and, attempting to shovel away the water, the keel could nevertheless not be made clear with the shovel due to the suction of the water, but occasionally, at a moment when the shovel passed the garboard strake, the lower seam was visible, yet at the same moment came under water again; subsequently, they felt with their hands under water as far as was possible, and discovered that the garboard strake had parted from the keel over a length of 21 feet measured from the sternpost forward, furthermore as far as one could see and feel, the garboard strake broken and sprung at the angle. We therefore, finding ourselves unable to carry out the required precise examination, let this serve for today as a respectful report. Below stood: Cape of Good Hope, the 28th of May 1790. Signed: E. van Veerden, the Chevalier Duminy, L. Smit, Klaas Keuken. In margin: in my presence, signed: C. Cornelisz. Lower: present before me, signed: Jacob de Bruyn. Agrees. Signed: G. F. Foekz, Sworn Clerk. After a complete collation was performed, this was found to agree in all parts with the authentic copies received from the Political Secretariat and resting in our custody. Which we witness, d'Eede van Oudtshoorn. P. V. P. Sujur. Copy of a Copy. To the Right Honourable Sir, Cornelis Jacob van de Graaff, Governor and Director of the Cape of Good Hope and its dependencies, etc., etc., etc., together with the Honourable Political Council. Right Honourable Sir and Honourable Gentlemen, Upon the report submitted by the undersigned on the 22nd of the recently past month of May, it having pleased Your Right Honourable and Honourable Sirs by resolution of the following day to charge them, in accordance with their request, to grant the necessary assistance to the contractors of the vessel the Helena Louisa for the purpose of heaving her down and bringing her into afloat water, the undersigned have to that end continually been present at that work, either together or alternately, as their official duties permitted, and now have the honour to bring to the knowledge of Your Right Honourable and Honourable Sirs: That on Tuesday the 25th of May, a beginning having been made with this work by the contractors, the necessary ropes, blocks, etc. were brought to the beach in the afternoon with the slaves of the Honourable Company, and they otherwise performed nothing else that day than pumping empty the ship, which lay with its starboard side against the surf; and although more than six feet of water was found therein in that position, this labour was nevertheless accomplished in two hours' time, whilst the undersigned presume that the same must have stood therein for a long time, given that it gave off an incomprehensible stench, and was for the greatest part black of colour. That the following day, the necessary ropes and anchors were brought out to sea by the government boats to the place where they could serve to heave the vessel down; furthermore the brig was brought into such a condition that this work could safely be performed upon her, and the heaving-down would have taken place that very same afternoon at five o'clock, when the tackles were already set up, if the tide had not then ebbed away. That this having therefore had to remain postponed until twelve o'clock at night, when it became high water, a start was accordingly made with the same ten minutes after this appointed hour, with that fortunate result that the vessel within a quarter of an hour was not only heaved down, but also brought into the position that the sustained damage could be discovered upon her. That subsequently, on Thursday the 27th, at daybreak, it having been reported by the contractors to the undersigned that they had discovered a fracture in the garboard strake, to which they deemed the slight sustained leakage was to be attributed, the same, after having made an ocular inspection of that discovered defect, immediately requested that a commission might be appointed to carry out the necessary inspection thereafter. That this commission, consisting of the sea captains Christiaan van Veerden, François Duminy, Laurens Smit, and Klaas Keuken, in the presence of the Master of the Equipment of this Government, Cornelis Cornelisz, and in the presence of the master mate of the shipwrights, by occupation of the Master, having appeared at the stranded vessel towards eight o'clock, the contractors showed them the damage found upon it by them, with the request that they please inspect the same, so that, if found repairable, they the contractors could proceed with the second point of the contract. But the commission

Dutch transcription

zoo zijn wij heeden morgen ten zeeven Uuren aldaar praesent geweest, en bevonden de naad van de Sandstrook onder 't water, doch door een Per„ „soon bij die aanneemers adsisteerende, aanwijzing van de Kiel van 't schip zullende worden gedaan wierd een koornschop genomen en het water willende roegschoppen, konde echter de Kiel door de Zuiging van 't water met de Schop niet zuclkaar krijgen maar zomtyds met een oogenblik dat de Schop de sand „strook passeerde d'onderste naad zichtbaar was, maar op het zelfde oogenblik wederom onder wa„ ter kwam, vervolgens voelde men met de handen onder water zo verre moogelijk was, en ontdekte dat de Sandstrook van de Kiel was afgeweeken, ter lengte van 21 Voeten van de agtersteven naar voo„ ren gemeeten, voorts zo veel men beogen en voelen Konde, de Zandstrook stukkende en in de haak ontsprong in Wyj ons dus buitenstaat gesteld vonden, om de verapchte nauwkeurige examinatie te kunnen verrigten laaten wij voorheeden deezen dienen voor Eerbiede g rapport /onderstond Cabo de goede Hoop den 28 meij 1790 /geteek:/ E van Veerden de Ridder Duminij, L: Smit, klaas keuken /:3n margine:/ ten mijnen overstaan / geteekd:/ C: Cornelisz /:Lager:/ mij present /:geteekend:/ Iacob de Bruyn Accordeert. /:geteekend:/ G: f:s Foekz, Egreo Cercq Na gedane perfecte collutie is is deezen met de authentique Copijen Vande Secretarije Van Politie ontfangen en onder ons berustende in allen deelen accorderende bevonden Welk wij getuijgen d„ eede van Oudtishoorn. P: V: P Suiur van Per„ nde g en and wa¬ „ 3 1 ƒ Copia Copiae Aan den WelEdele Gestr Heere Cornelis Jacob van de Graaff Gouverneur en Directeur van Cabo de Goede Hoop en den ressorte van dien &a & V &:a beneevens den E„ Aehtb: Solitecquen Raadt. Wel Edele Gestrenge Heer en E Achtbaare Heeren Op het door de ondergeteekendens ingeleevert rapport 9sto van den 22. e der eeven afgeweekene maand Mey, Uwel Edelen Testa en E Achetb„ bij besluijt van daags daaraan behaagd hebbende, aan dezelve op te draagen, omme de entrepreurs van het Scheepje de Helena Louisa tot dies omken„ tering en in vlot water brengen, ingevolge hun verzoek de nodige adsistentie te verleenen, hebben de ondergetee kenders zig ten dien einde dan ook geduurig te zaamen, dan wel alternatie, na dat hunne ambtsverrigtingen zulx permitteerden bij dat werk teegenwoordig bevonden en als nu de Eer UwelE: Gest en E Agtb: ter Kennisse te brengen Dat op Dingsdag den 25 Maij door de aanneemers met dit hun werk een begin gemaakt geworden zynde H des ƒ des nademiddags met de slaaven der E Comp=e de nodige Touwen, Blokken &=a naar het strand gebragt, men overi„ „gens dien dag niet anders heeft verricht, dan 't Schip 't welk met zijn Stuurboordzijde teegens Stranslag leedig te pompen, En ofschoon in die positie daarinne ruijm ses voeten waater bevonden wierd, was deezen arbeid egter in twee Uuren tijds verrigt, terwijle de onder„ „geteekendens presummeeren, dat hetzelve daain langs moet hebben gestaan gehad, aangezien zulx een onbegrypelijke Stank van zig gaf, en voort grootste gedeelte zwart van Ceuleur was. Dat den volgende dag de nodige Touwen en Ankers door de Lands boots in zeegebracht ter Plaatze, alwaar dezelve konde dienen ter omkentering van het Scheep,je„ overigens de Brik in die gesteldheid raakte, dat met ge„ „rustheid dat werk daaraan konde werden verrigt, En was de omkertering nog dien zelfden middag te vijff uuren, wanneer de Snaaren bereids gespannen waaren, daarvan gescheed, indien het Sij als thoen niet verloopen was geweest. Dat dit dierhalven hebbende moeten uitgesteld blijven tot des nagts de Klokke Twaalff uuren, wan „neer het hoog water wierd, men dan ook thien minuten na dit bepaald uur een aanvang met het zelve heeft ge =maakt, met dat gelukkig gevolg, dat het vaartuig binnen binnen een Quartier uurtijds niet alleen omgekenterd maar ook in de Situatie wierd gebragt, dat de bekoomene schaade daaraan konde werden ontdekt. Dat vervolgens Donderdag den 27=sn, met het aanbree„ ken van den dag door de entrepreneurs aan de ondergeteek:d gerapporteerd geworden zynde, dat men eene Breuk in de Zandstrook had ontdekt, waaraan zij vermeijnden, dat de weinige bekoomene lekkagie toeteschrijven was, hebben deselve, na veulaire inspectie van dat bevonden, defect te hebben genoomen, opstonds verzogt, dat eene Commissie mogte worden gedecerneerd, om daarna de nodige visitatie te doen. Dat die Commissie bestaande in de Zee Capitains Christiaan van Veerden, François Duminij, Laurens Smit en Klaas Kaiken ten over, staan vanden Equipagiemeester deezes Gouverne„ „ments Cornelis Cornelisz, en in 't byweezen van den meester Knegt der Scheepstimmerlieden, by occupatie van den Baas, teegens de Klokke 8 uuren bij het gestrand Vaartuig verscheenen zijnde, hebben de Entrepreneurs aan deselve vertoond, de door hun daaraan bevondene Schaade, met Solicitatie dezelve te willen Inspecteeren, op dat reparabel bevonden, zij aanneemers met het tweede poinct der aanbesteeding konde voortvaaren: Dan de F Commissie e moek ke -

NL-HaNA_1.04.02_10687_0160 view scan ↗

English

The Committee claiming that their mandate entailed inspecting the keel of the ship, in order to see whether any defect happened to be found there, the contractors showed the keel to that Committee, as far as it was still sufficiently visible to everyone's eye in the already rising water; but, not being satisfied with this, as they desired to see the entire keel exposed, without which they considered that the contractors had not fulfilled the first article of the tender, the said contractors were not a little surprised by this, and the undersigned cannot deny being no less astonished, since upon examining the written order issued to them by Your Right Honorable and Honorable, they could by no means find that it entitled them to such a strict demand, as they were merely enjoined thereby, assisted by the Master of the Shipwrights and in the presence of the Equipment Master, carefully to examine the defects which the aforesaid vessel might have sustained during its stranding, as well as to investigate whether it could be properly repaired from the damage suffered, or not; and if so, then to determine what materials, measures, and equipment goods would need to be required for that purpose, as well as within what time those repairs could take place, how much the same, calculated roughly, would cost the Honorable Company, and whether the frequently mentioned vessel could, through those repairs, be brought into such a state as to undertake the voyage to the Netherlands with confidence; moreover, the terms and conditions under which the contract was awarded do not state that the keel is to be laid bare, but that the ship is to be heeled over in such a manner that the keel is visible, certainly with the intent that, if any presumptions should arise that any defect were to be found in that place, to then have it repaired, which however, according to the opinion of other nautical experts upon careful visual inspection, could have no foundation. That the Committee of nautical experts, having thereupon departed again from the beach, were appointed once more at the request of the contractors at the lowest water in the evening. That the undersigned, having likewise retired toward town and called upon the Honorable Lord Governor, gave His Right Honorable the required information regarding this incident; whereupon the answer of the said Honorable Lord Governor in substance was this: Gentlemen, the Committee appointed for the examination of the vessel Helena Louisa have just come to report to me that the entrepreneurs have not fulfilled the contents of the first point of the contract, namely the careening; and upon the statement of the undersigned that it would be a hardship to compel the contractors to heave the ship further over, since the defects sustained thereon, in the understanding not only of the undersigned but also of other expert persons, were visible enough and repairable, besides the fact that no reasons presented themselves to suppose that the vessel had sustained any damage to the keel, having further understood from His Right Honorable His utmost intention, namely, that the literal contents of the terms and conditions, once determined and accepted, should be fulfilled, the undersigned thereupon proceeded directly to the beach and asked the entrepreneurs whether there would be any possibility of heaving the vessel further over, in order that the keel might be seen all the better thereby; which was by no means declared impossible by them, although they were of the opinion, and not unjustly so, that the defects could not be detected nor repaired any better by such means; they thereupon heaved that vessel over another two streaks further, and placed it in the position as figure under letter E clearly shows, declaring at the same time that they would even have been able to haul that brig over its keel if only the three cable ropes of seven to eight inches requested by them could have been supplied to them from the warehouses of the Honorable Company. That the aforesaid Committee, upon the urging to return and to inspect the ship at the lowest water, having on Thursday evening proceeded to the beach once again for that purpose, they anew demanded sight of the keel, and upon the showing of a part thereof by the contractors in the presence of many onlookers, they declared themselves unable to see it, notwithstanding that this was pointed out to them no less clearly by the English King's Captain Rion, who had commanded the King's ship The Guardian laid up here, and who was assisting the entrepreneurs in this work. That the undersigned, wishing to attribute this to the darkness of the evening, as the inspection happened to take place by moonlight and lantern light, requested for that reason that the Committee might again present themselves at the ship the following morning at the lowest tide.

Dutch transcription

Commissie voorgeevende, dat hunne last inhieldom de Kiel van 't Schip te beschouwen, ten einde te bezien„ of zig daar aan eenig defect quam te bevinden, hebben de aanneemers aan die Commissie vertoond de Kiel, voor zoo verre zulx bij het reeds was sendwater voor elks oog nog zigtbaak genoeg was, dog hiermeede niet te vree „den, als begeerende de gantsche Kiel bloot te zien, zon„ „der welke dezelve vermeende, dat door de aanneemers aan het eerste Arte van aanbesteeding niet voldaan was, zijn gem: aanneemers daarover niet weinig gesurpreneerd geweest en kunnen de ondergeteekendens niet ontkan„ „nen, niet minder zig daarover te hebben verwondert, alzo zij bij het inzien der voor UWel Ed: Gest=r en E„ Achtb.:s op hun uitgevaardigd Schriftelijk beveel geen „zints Konden vinden, dat dezelve hun teijd tot zodanige Strieten Eysch, als wordende hun daarbij alleen geinjun geert om geadsisteerd met den Baas der Scheepstim merlieden ten overstaan van den Equipagiemeester naauwkeurig te Examineeren, de gebreeken, die het voormeld Scheepje bij dies Stranding mogte hebben be „koomen, mitsgaders te onderzoeken, of het van de geleedene Schaade behoorlyk konde werden gere¬ paraerd, ofte niet, zo Da als dan te bepaalen welke erialen maat regulen en Equipagie goederen daartoe zouder dienen te werden gerequireerd, mitsgaders binnen welke tyd tyd die reparatien zouden kunnen geschieden, op hoeveel dezelve gros somodo gereekend aan d E Comp:e zouden koo¬ men te staan, en of meermeld Scheepje door die reparatien in zodanige staat zoude kunnen werden gebragt, om hetzelve met gerustheid de reise naar Neederland te doen aanvaarden; boovens dien de Conditien en voor„ waarden, waarop de aanbesteeding is geschied, niet zegt van de Kiel bloot te leggen, maar het Schip dermaten overtehalen, dat de Kiel zigtbaar zij, zeekerlijk met dat oogmerk, wanneer er zig eenige praesumptien op deesen, dat zig daar ter plaatze eenig defeet quam te bevinden, t welk egter volgens gevoelen van andere zeekundigen. bij naauwkeurig onderzoek na oogenschijn geene plaat „ze konde hebben, als dan te doen repareeren. Dat de Commissie van zeekundigen zig daarop weeder van Strand begeeven hebbende, op verzoek van de aanneemers andermaal zijn geappoincteerd geworden met het laagste waater des avonds Dat de ondergeteek hun insgelyks baabwaards ge¬ retireerd en vervoegt hebbende bij den Ed Heer Gouver„ „neur zijn Wel Ed: Gest=r van dit meident de verEischte Kennisse hebben gegeeven: zynde daarop t' antwoord van Welgem: Ed Heer Gouverneur in Substantie deezen geweest, Mijne Heeren de Commissie ter Examinatie van 't Scheepje de Helena Louisa benoemd benoemd, hebben mij zoeven koomen rapporteeren, dat de entreprenneurs niet aan den inhoud van het eerste poinct van 't Contract, de omkentering namentlijk, heb„ ben voldaan, en op het zeggen van de ondergeteek„t dat het eene hardigheid zijn zoude, de aanneemers te noodzad ken het Schip verder om te krengen, alzoo de defecten daaraan bekoomen volgens begrip van de ondergeteek niet alleen, maar ook van andere deskundige Lieden, zigtbaar en te repareeren genoeg was, behalven dat zig geene reedenen zig opdeeden, om te veronderstellen, dat dat vaartuig, eenig letzel aan de Kiel bekoomen had, nader van zijn Wel Edele Gest=r verstaan hebbende Hoogst deszelfs intentie, te weeten, dat aan den Letter lijken inhoud van de Conditien en voorwaarden eenmaal bepaald en aangenoomen, wierde voldaan„ zo hebben de ondergeteek: zig daarop direct naar 't Strand begeeven en de Entrefreneurs gevraagd, of er geen kans zijn zoude, dat Scheepje verder om te haalen, ten einde de Kiel daar door deste beter konde worden gezien: het welk geenzints door hun onmogelijk gesteld wierd:/ of schoon zij van begrip waaren, en niet te onregt, dat de gebreeken door zulxe niet te beter zouden kunnen worden bespeurd nog gerepareerd: / hebben zij daarop dien Bodem nog twee streeken verder overgewonden, en gelegt in en de de positie, als figeour Sub L=a Eduidelijk komt aan te toonen, betuigende daarbij, dat zij in staat zouden zijn geweest dat Brikje zelfs over zijpn Keel te haalen, indien aan hun uit de Magazijnen der E Comp=e maar hadden Kunnen worden verstrekt de door hun gevraagde drie Cabel Touwen van Zeevena Agtduymen. Dat voorsch:r Commissie op instantie van te rug te koomen en het Schip met het laagste waater te willen bezigtigen, des donderdags avond zig ander „maal ten dien einde aan het Strand vervoegd hebbende hebben dezelve het gezigt vande Kiel op nieuw ge„ vordert, en op aantooning van een gedeelte derzelve door de aanneemers in teegenwoordigheid van veele zulks aanschouweren, verklaarden dezelven niet te kun „nen zien, niettegenstaande hun dit nog nader door den Engelsch Konings Capitain Rion, het alhier afgelegt Konings schip The Guardian Gecomman„ deerd hebbende, en de Entreprenneurs in dit werk adsi¬ steerde niet min duijdelyk wierd aangeweesen. Dat de ondergeteek:t dit gaarne hebbende willen toeschrijven aande duijsterheid van den avond, terwijl de inspectie quam te geschieden bij het Maan en Lantaarnligt, verzogten uit dien hoofden dat de Commissie des andern daags morgen met het laagste Tijzig nogmaals bij t schip wilde laaten vinden. Dat n nde Letter daan

NL-HaNA_1.04.02_10687_0164 view scan ↗

English

That upon the heavier rushing of the sea water the second undersigned betook himself to the beach at twelve o'clock at night, and having arrived there then found that the ship was pounding so severely against the ground that not only one of the shrouds fastened to the upper end of the mast repeatedly hung slack due to the rolling, but even the stern rope broke on account of the heavy working, causing the stern to work off the beach, but the necessary measures having been applied in this regard, it remained lying fast again until the following Friday, the 28th of May, when the Committee having presented themselves there in the morning for the third time, the keel of the ship was once again shown to them by the contractors, and although this was seen clearly and plainly to the eye across a width of four to five inches in height by the undersigned and several onlookers, as well as the aforementioned fracture in the garboard strake, and the aforementioned Captain Rion took pains to show both these things to those members, adding that if they wished to feel the lower part of the keel, this could now easily be done, as he went in their presence along the entire keel, repeatedly sticking the greater part of his hand under it, with the affirmation that he could perceive no defects in it, nevertheless that Committee continued to persist in seeing the entire keel exposed. That the contractors, not a little at a loss as to how they should now conduct themselves further, applied to the undersigned with the request that the defects found, which appeared to be of little importance, might be repaired by the shipwrights present, in order that they might thereby be enabled, as they considered they had fulfilled the first point of the tender, namely the heeling over, to bring the vessel into floating water at the approaching high tide, and thereby comply with both points of the contract: the undersigned, in order to act with all possible prudence in this matter, thought it necessary to take the advice of the nautical Committee still present at that moment, and first of all to ask them what they thought of the fracture in the garboard strake, and whether it could be repaired? Whereupon, having received the answer that they could not express themselves on this before the keel had been completely inspected by them, the undersigned therefore deemed it expedient still to submit to the said Committee, the Master of the Equippage having meanwhile retired from the beach, what they considered would, as matters now stood, best accord with the service of the Honorable Masters: to leave the vessel lying in that situation in which it now lay and give it up as a prey to an approaching storm, or rather, since on the exterior no great defects had after all been perceived in it, to leave the contractors the liberty to haul the same off the beach and bring it into floating water according to the specifications; to which the Captains van Veerden, Duminij, and Keukens came to answer that they could not express themselves on this, as it was not the content of their commission, whereon the undersigned replied that they did not ask them this question in their capacities as Commissioners, but in their relationship and as servants of the Honorable Company, whose true interest ought to be as dear to them as to the undersigned. Hereupon they finally came to reply, reflecting that the aforementioned vessel in the position in which it now lay heeled over, with the keel toward the sea, would most certainly run the danger of being dashed to splinters with the first arising storm and thus rendered completely unfit for the further service of the Honorable Company, so they would prefer to have the same brought into floating water, without however wishing to give assurance that no other leakages than those which had as yet been discovered might render this hazardous. That hereupon the Master Journeyman of the shipwrights here, the Master thereof being not present as stated due to occupation, as well as the Chief Carpenter of the aforementioned English King's ship The Guardian having been asked whether they were capable of repairing the defects found on that vessel in such a manner that one could be confident in it? Having answered this with yes, the undersigned ordered those people to set to work immediately, who then, after having properly plugged the fracture with oakum and tallow, fastened over it a piece of sheet lead of a length of twenty-two feet and ten inches broad with nails placed close to one another, subsequently for better security having lined the upper and lower side of the lead with a battan canted for that purpose of three inches, nailed with five-inch nails, after having caulked it once more and smeared it with tallow, after this performance of theirs brought report to the undersigned that this work being performed, they considered the same to be more than sufficient. That of the course of affairs the undersigned subsequently by missive accompanying this in copy to the Honorable...

Dutch transcription

Dat op het Sterker ruijsen van 't zeervater de tweede geteek„td zig des nagts om Twaalf uuren naar 't Strand heeft begeeren, en aldaar gekoomen als toenvond, dat 't schip dermaaten teegens den grond Stampte, dat niet alleen een der Syns aan 't boveneinde van de mast vast gemaakt, door 't overhaalen telkens slaphing, maar zelfs het agter Touw door het swaar werken gebrooken, daar door het agterschip van Strandwerkte, dan hier omtrent de nodige voorzieninge gebruikt geworden, bleeft zelve weederom vast leggen tot den volgende Vrydag, den 28=ste maij, als wanneer de Commissie zig des morgens ten derde maalen daarbij hebbende laaten vinden, is hun door de Entrepreneurs op nieuw de Kiel van 't Schip aangetoont geworden, En ofschoon zulx door de ondergeteekendens en verscheidene toekijkers duidelyk en wel naar Oogeschein ter breete van Vier a Vyfdenymen in de hoogte is gezien gewerden, zo wel als voornoemde Breuk in de Landstrook en voorm: Capitain Rion zig beflijtigde dit een en ander aan die leeden te toonen met toevoeging dat wanneer zij het onderste gedeelte van de Kiel wilden voelen, blik nu gemakelijk kon¬ de geschieden, als gaande in hunne teegenwoordig heid de gantsche kiel langs /: 't grootste gedeelte van zijn hand daar telkens ondersteekende / met betuij¬ ging dat gaen defecten daar aan konde bespeuren bleef bleef die Commissie egter persisteeren om de gantsche Kiel Ploot te zien Dat de aanneemers, hier op niet weinig verleegen, hoedanig zig nu verder te gedraagen, zig bij de onderget=t hebbende vervoegt, met beede, dat de bevondene gebreeken, die dog van weinig aanbelang quaamen te zijn, door de aanweezende Timmerlieden mogten werden gere„ Sareerd, op dat daardoor in staat wierden gesteld, om 't Vaartuig, als vermeenende aan t eerste Poinct van aanbesteeding, te weeten de omkentering te hebben voldaan, bij het aannaderend hoog Tij in vlot water te brengen, en daar door aan beide de Poincten van t Contract te beantwoorden: de ondergeteekendens om hierin met alle mogelijke voorzigtigheid te handelen. hebben gemeend, het advijs van de zeekundige Commissien in die oogenblikken nog aanweezend te moeten in„ neemen, en dezelve allereerst aftevraagen, wat zij van de breuk in de Landstrook oordeelden, en of die konde worden gerepareerd? waarop ten antwoor¬ bekomen hebbende dat zig daarop niet konde Expli„ „ceeren, voor dat de Kiel door hun ten eenemaal was bezigtigd geworden, oordeelden de ondergeteekendens dierhalven dienstig aan ged:t Commissie /: hebbende den Equipagiemeester zig intusschen van Strand geretireerd:/ nog voor te houden, wat zij vermeenden dat dat, zo als de zaaken nu gesteldwaaren, met den dienst der Heeren Meesteren best zoude strooken, het vaar„ tuig in die Situatie, waarin het nu lag, zo te laaten leggen en aan een eerstkoomende storm ten prooij te geeven dan wel, dewijl dog voor 't riiterlijke geene groote defecten aan het zelve had konnen worden bespeurd, de aanneemens Vrijheid te laaten, hetzelve van Strand te winden en vol„ gens het bestek in Vlot water te brengen; waarop de Capitains van Veerden, Duminij, en Keukens hebben komen te antwoorden, dat zig hier over niet Konde, uitlaaten, als niet weesende den inhoud haa„ „der Commissie, hebben de ondergeteek„t daar op gerege reert, dat zij hun die vraage niet deeden in hunne qua„ liteiten als Gecommitt„s maar in hunne betrekking en als dienaaren der E Comp„e welkers waare Intrest, hun zoo wel als de ondergeteek: dierbaar moeste zijn, Hier op quamen Dit z## dezelve eindelijk te repliceeren, met te reflecteeren, dat meergem Vaartuig in de Positie, waarin 't nu omgekenterdlag, met de Kiel na zee, zeer zeeker gevaar zullende loopen, met de eerst op Komende Storm aan Splinters geslaagen te worden en dus geheel onbekwaam gemaakt tot den verderen dienst der E: Comp„e, zij dus zouden prefereeren 't zelve in Vlot water te laaten brengen, zonder egter te willen verzeekeren, dat er geene andere Lekkagien E als als welke men voor als nog ontdekt had zulx zoude kun„ „nen gevaarlijk maaken. Dat hierop de Meesterknegt der Scheepstimmer¬ „lieden alhier /: den Baas derzelve zo als geregt door oe= „cupatie niet present. /zo wel als den oppertimmerman van 't voorn: Engelsch Konings schhip The Guardian afgevraagt geworden zynde, of zij instaat waaren, de bevondene gebreeken aan dat Vaartuig zodanig te re„ pareeren, dat men daarop gerust konde zijn? dit met Ia beantwoord, hebben de ondergeteek„d die lieden ge„ „last aanstonds handen aan 't werk te Slaan, die dan ook na de breuk behoorlijk met werk en Taek te hebben toegestopt over dezelve een stuk platloot ter lengte van Twee en Twintig voeten, en breet Thien duimen, met digt bij den anderen geplaatste spijkers hebben vastgehegt vervolgens tot beter Securiteit de booven en onder zyde van t loot belegt hebbende met een daartoe gekante Lat van drie duijmen, bespijkert met Vijf Duyms Spijkers, na dat nogmaals gecal laat, en met Talk besmeert, bragten dezelve na deeze hunne verrigting de ondergeteek„ rapport, dat dit werk verrigt, zij vermeenden het zelve meer als voldoende te zyn. Dat van den toedragt der zaaken vervolgens de onder geteek: bij missive deeze in Copia verzellende aan den E Acit gie

NL-HaNA_1.04.02_10687_0168 view scan ↗

English

To the Honorable Second Johannes Isaak Rhenius, who in the absence of the Right Honorable Governor was exercising authority, notice having been given, together with a solicitation for the necessary anchors, ropes, and ballast in order to be able to secure the ship once brought to the roads; the answer to this remaining delayed, the first undersigned found himself obliged to proceed to False Bay to accomplish this if possible. That meanwhile, the second undersigned having been asked whether the contractors, with his permission, might bring the vessel, which was now repaired, into deep water, this was left unanswered by him, awaiting further orders. That notice of this was given by the second to the first undersigned by a letter, also annexed hereto, and its contents were also committed by the latter to the Right Honorable Governor who had returned that morning to the Castle, whereupon the first undersigned was informed, specifically by a short note added hereto under C. to F., that the Noble Governor had given no other definitive answer than that the report of the nautical experts had to be awaited first. That in the meantime the highest tide of the full moon being present, and the ship on this occasion making no fewer movements than the night before to get its stern off the beach, the second undersigned therefore fearing that the ship, getting loose, might damage itself on the reef with rocks that lay not far from there, deemed himself no less obliged to give notice of this to the first undersigned, repeating once more by a letter, also accompanying this, his request for the necessary anchors, ropes, and ballast. That pending a full authorization for this, the feasibility of bringing off the ship at that moment being asserted by the contractors, whereas they otherwise raised much difficulty, since, the barometers having fallen, a storm was feared, as to being able to satisfy their undertaking regarding this point, the second undersigned, subject to further approval, condescended to this request of theirs: whereupon a beginning having been made with hauling the ship off the beach, the first undersigned had meanwhile joined the second, bringing report that the Right Honorable Governor, upon his request, had given the necessary orders so that what had been required would be satisfied. That having been occupied with the hauling off for about two hours, this had the desired effect, that the ship thereby reached deep water, which will not seem incomprehensible to Your Right Honorable and Honorable Sirs when they are pleased to take into consideration that about thirty paces from the beach at the place where the ship had lain, the water at high tide was deep enough for it. That subsequently, the ship having been brought from inside the rocks by the contractors through the narrow passage between the same, which according to their statement was amply wide and deep enough, outside those reefs, they further towed that vessel with ten fishing dories toward the roads, and the necessary anchors and ropes, etc., having been brought by the Company's boats, that small keel was furthermore brought by them to anchor at a depth of four and a half fathoms, after which operation one of the contractors, having come ashore, came to complain that the anchors had been sent to them without the cables having been properly bent to them, whereby, had they not been assisted by some English sailors together with the boatswain of the aforesaid English King's ship The Guardian, they would have found themselves in no small embarrassment with that vessel. That lastly, the contractors having remained on the vessel mentioned in the heading, the Helena Louisa, the very next night until two o'clock, in order to perceive how the matter stood with the leakage, and what quantity of water that vessel had made between three o'clock in the afternoon, when it had been pumped dry, until that time, reported upon their return to the undersigned that the water at the pumps had risen no higher than to about nine inches. Since it is now beyond dispute from this narrative of all the proceedings in this matter that the contractors, at least as the undersigned suppose, have fully fulfilled the primary purpose of Your Right Honorable and Honorable Sirs, namely, to bring the aforesaid small ship the Helena Louisa into deep water after it was righted and properly repaired of the defects found on it, the undersigned would then also be of the opinion and advice that they have the right to petition Your Right Honorable and Honorable Sirs that the sum of money stipulated for this may be paid to them from the Honorable Company's treasury, the more so as all incidental circumstances make it almost certain that the said vessel has acquired no other defect.

Dutch transcription

E: Achtb: Heer Secunde Johannes Zzaak Ahenius, bij absentie van den Wel Edele Gestr Heer Gouverneur het Gezag waarneemende kennisse gegeeven zynde, met Solicitatie om de nodige Ankers, Touwen en Ballast ten einde het schip ter Rheede gebragt daar door te kunnen Secureeren, aan 't antwoord hier op agter, blijvende, vondzig den eerstgeteekende verpligt: zig Eaabr ^ ards te begeeven, om zulx zo mogelijk te bewerkstel ligen. Dat middelerwyl aan den tweede geteek gevraagd geworden zinde, of zij Entrepreneurs met bewilliging van denzelven het Vaartuig, dat nu gerepareert was, op vlotwater mogten brengen, is dit door hem onbe„ antwoord gelaaten, afwagtende nadere Last. Dat hier van door den tweede aan den eerste geeke. bij missive, deezen meede annex kennis gegeeven, en dies inhouden door laatstgem: ook aan den Wel„ Edele Gestr Heer Gouverneur dien morgen in 't Gouvernement gereverteerd, Gecommitteerd gewor¬ den zijnde, wdeerd den eerstgem: daarop geinformeerd en wel met een Lettertje deezen bijgevoegd sub C=dae F dat den Edelen Heer Gouverneur geen andere uitsluij tend antwoord had gegeeven, dat dat het rapport van de Zeekundigen eerst moest werden afgewagt. Dat intusschen het hoogste water met de vollen maand 6 Maan daar zijnde, en het schip bij deeze geleegendheid. geene mindere mouvementen maakende dan des nagts te vooren om met de agter Steevenen van Strand te ge„ raaken, de tweede geteekende dierhalven vreesende, dat het Schip los raakende, op 't rif met klippen, dat niet verre daarvan aflag, zig mogte beschaadigen, oordeelde zig niet minder verpligt, hiervan aan den eerstgeteeke Kennisse te geeven herhaalende andermaal bij Missive, deeze meede versellende, zijn verzoek om de nodige Ankers, Touwen en Ballast. Dat in afwagting eener volkomene bewilliging hiertoe, de mogelijkheid van 't Schip aftebrengen, op dat oogenblik door de aanneemers daargesteld wor „dende, terwyl zij anderzints veele zwaarigheid maak „ten: aangezien de Barromethers gerakt, men voor Storm bedugt was, omtrent dit poinct aan hunne aanneeming te zullen kunnen voldoen, heeft den tweede ondergeteek„d op nader approbatie in dit hun verzoek Gecondescendeert: waarop een begin gemaakt geworden zinde, met 't schip van strand te winden, had zig intusschen den eerst geteekd bij den tweede vervoegt, berigt meede bren¬ „gende, dat den WelEdele Gestr Heer Gouverneur op zijn verzoek, de nodige ordres had gesteld, ten einde aan 't gerequireerde weerde voldaan. Dat erd luij vollen Dat met de afeinding men zig Circa twee uuren beezig gehouden hebbende, was zulx van 't gewenscht effect, dat 't schip daar door op Vlot water geraakten 't geen UWlEd: Gest:r en E Achtb niet onbegrijpelijk voorkoomen zal, wanneer dezelve gelieven in aanmer¬ „king to neemen dat Circa dertig treeden van 't Strand ter plaatze, alwaar het Schip geleegen heeft, het water bij hoog bij daartoe diepgenoeg was. Dat vervolgens, het Schip van binnen de Kleppen door de Entrepreneurs, door t naau tusschen dezelde, die volgens hunne opgaaf ruijm breed en diep genoeg was buijten die rozen gebragt geworden zijnde, hebben zij dat Vaartuig verder met Thien vissers Dollen na de rheede geboegseerd, en door de Landsboots de nodige Ankers en Touwen &„a bezogt geworden, is wijders dat Kieltje door hun op de diepte van Vier en Een halve Vadem ten Anker gebragt, na welke vrrigting zig eene der aanneemeren aan de Wal gekomen quam te beklaagen, dat men hun de Ankers toegezonden had, „de zonder dat de Cabels daarin behoorlijk waaren gestooken, waardoor, waaren dezelve niet gead- sistreerd geroorden door eenige Engelsche Matroosen benevens den Bootsman van het meergem Engelsch Konings Schip The Guardian zij zig in geene ge ringe verleegendheer met dien Bodem zouden hebben bevonden, Dat Dat Laatstelijk de Entreprenneurs de daarop eerstko¬ „„mende nagt tot de Klokke twee Uuren op het in den Hoofden gemeld Scheepje de Helena Louisa Verbleeven zijnde, ten eynde te ontwaaren hoedanig het met de Lekkagie gesteld zoude zijn, en wat quanti teijt water dien Bodem tusschen de Klokke drie Uu„ ken des namiddags, wanneer men Lens geslaagen had, tot dien tyd toe hadde gemaakt, of hun terug= „komst aan de ondergeteek hebben gerapporteerd dit het water bij de Pompen niet hoger, dan tot Circa Negenduijmen geklommen was geweest. — Daar nu uit dit narre van alle de verrigtingen in deezen buijten teegenspraak is, dat de aanneemers /: ten minsten zo als de ondergeteek:d vermijnen:/ aan 't voornaam Oogmerk UWel Edele Gest=r en Ed Achtb volkoomen hebben voldaan, te weeten, om meergem Scheepje de Helena n Louisa na dat omgekonterd en van de daaraan be¬ zoude vondene gebreeken behoorlijk zinde gerepareerd in Vloh water te brengen, zoude de ondergeteek dan ook van gevoe„ len en Advijse zijn dat dezelve regt hebben om UWel Edelen Gestr. en E Achtbr. te Solliciteeren, dat de daartoe be¬ paalde Som van penningen aan hun uit S. Comps Cassa moogen worden voldaan, te meer daar alle bij koomende omstandigheeden het byna zeeker stellen, dat ged: Vaartuig geen andere defect bekoomen heeft, aan en t k d ater pen lde was dat ing elsch ge nden

NL-HaNA_1.04.02_10687_0172 view scan ↗

English

than what was found and pointed out by the contractors and, according to the statement of the shipwrights, has been repaired securely enough, and that nothing within it has shifted, as may even be inferred from the first report of the nautical commission, nay, since the repatriated Captain Lieutenant Leendert Stolle, who commanded that vessel, declared to the first-signed the day after the grounding, that he had understood both from the officer who held command on board in his absence and from the rest of his crew, that the vessel, while drifting towards the shore, did not bump until it was thrown with the stern against the shore, which some time thereafter that same officer came to avow further to both undersigned, to which is added that the reports from on board state that, since it was fortunately brought to anchor again in the Roads, it makes little or no water, especially where the fracture was, not the slightest moisture is perceived, notwithstanding that for two to three days in succession a more than ordinarily stiff breeze blew, and the sea consequently became proportionately turbulent, while the water found at the pumps must mostly be attributed to what entered through the seams, certainly because that keel lay so long on the shore and remained exposed to the sun and air. And the undersigned take the liberty, before concluding this their report, respectfully to submit for the consideration of Your Right Honorable and Worshipful Honors, whether it would not be most consistent with the service of the Honorable Company to send the said vessel to Saldanha Bay to be properly careened and caulked there, and thus made fit for that voyage, even if, notwithstanding the improbability thereof sufficiently demonstrated above, there should unexpectedly remain any grounded fear that it might be afflicted with other hidden defects which would make it inadvisable to have it undertake its projected voyage to the Fatherland directly from here; unless Your Right Honorable and Worshipful Honors should deem that these operations, in order to lose no time, could be properly performed in these Roads. The undersigned meanwhile have the honor to submit this as their preliminary report. was signed: S. I. Lesueur, W. C. v. Reede van Oudtshoorn In the margin: Delivered on 8 June 1780 Agrees. signed: J. J. Goetz, First Sworn Clerk After perfect collation has been made, this has been found to agree in all parts with the authentic copy received from the Secretariat of Policy and remaining in our custody. Which we certify: P. C. v. Reede van Oudtshoorn. S. V. Le Sueur Pra. A Copy Copy The righting and bringing into afloat water of the stranded Honorable Company's brigantine vessel the Helena Louisa having been publicly contracted out, the Captains-at-Sea Christiaan van Veerden, Laurens Smit, and Klaas Keuken are hereby expressly commissioned, whenever the contractors of that work shall have fulfilled the first part of their contract, namely the righting, to proceed to the place where the said vessel is stranded, and then, assisted by the Master of the Shipwrights Mijndert van Eijk, in the presence of the Equipage Master Cornelis Cornelisz, to examine accurately the defects that vessel sustained during its grounding, and also to investigate whether the damage suffered can be properly repaired or not, and if so, then to determine what materials and equipage goods would need to be employed for that purpose, as well as within what time those repairs could be made, what the same roughly calculated would cost the Honorable Company, and whether the aforementioned vessel could by that repair be brought into such a state as to undertake the voyage to the Netherlands with tranquility, providing a written report hereof as soon as possible. underneath stood: In the Castle of Good Hope, 26 May 1790. lower: In the absence of the Right Honorable Lord Governor, was signed P. D. Rhenius and underneath, Agrees, signed: C. van Aerssen, Secretary Agrees. signed: G. F. Goetz, Sworn Clerk After perfect collation has been made, this has been found to agree in all parts with the authentic copy received from the Secretariat of Policy and remaining in our custody. Which we certify: J. V. Le Sueur W. F. Reede van Oudtshoorn. Pra. B Copy Copy. Extract from the terms and conditions on which the Right Honorable and Worshipful Gentlemen Mr. Jacobus Johannes Lesueur and William Ferdinand van Reede van Oudtshoorn, as specially commissioned hereto from among the Right Honorable Council of Policy of this Government, intend on behalf of the Chartered East India Company of the United Netherlands to tender on Friday, which will be 21 May of this year 1790, to the lowest bidder, the righting and subsequently, after its sustained damage shall have been repaired, the bringing into afloat water of the vessel the Helena Louisa, stranded on the 12th of the past month of April on the south-east side of the pier. Article 1. The contractor or contractors shall be obligated 288

Dutch transcription

dan het geene door de aanneemers is gevonden en aangetoont en volgens opgaave der Timmerliesen Secuur genoeg is her steld geworden, en er zig binnen het zelve niets ontzet heeft, zoo als zulxe zefs op termaaken is uit het eerste rapport der zeekundige Commissie, Ia daar den gerepatrieerden Capitain Lieutenant Leendert Stolle, dewelke dat Vaartuig heeft gecommandeert, 's daags na de Stranding aan den eerstgeteek. d heeft gedeclareerd, zo van den officier dewelke in zijn afweesen het gezag aan Boord heeft gehad, als van zijn overige Equipagie te hebben verstaan, dat 't Scheepje in 't naar Strand drijven niet eerder heeft gestooten, als wanneer met de agter Heeren teegen het strand wierd gesmeeten, 't geen eenigen tyd daarna die zelfde Officier aan beide de ondergeteekendens nader heeft koomen te avoueeren, waarbij nog komt, dat de berigten van boord Luiden, dat hetzelve t zedert weder gelukkig ter Rheede ten Anker is gebragt, wei¬ nig of geen watermaakt, vooral daar ter plaatze daar de breuk is geweest, in 't geheel geene vogtigheid word bespeurd, niettegenstaande twee a drie daagen agter den anderen een meer dan gewoone Styve Edelse heeft ge„ waagt, en de zee daar door na rate verbolgen is geraakt, Terwijl het water bij de Pompen bevonden worden de meest door de Lijfnaaden daar bij wordgebragt, toete„ schrijven, zeekerlijk dewijl dat Kieltje zolange op Strand Strand heeft gereeten ^ an de Zon en Lugt geEerponeerd is ge¬ bleeven. be En zijt de ondergeteek alvorens dit hun rapport te ein„ digen gegunt UWel Edele Gestrenge en EAeth nadrig ten Con„ siberatie te geeven, of het niet met smeesters dienst best over eenkomsteg zoude zijn om grd: Scheepje zoer niet tee „genstaande de onwaarscheynlijkheid daarvan hier vooren genoegsaam betoogd, egter nog onverhoopt eenige gegronde vreese overbleef, dat met andere verhoolen gebreeken zoude Kunnen behebt zijn, die het ongeraaden zoude maaken, hetzelve zijne geprojecteerde reijze naar 't Vaderland direct van hier te doen onderneemen, na de Satdanhabaaij te zenden, om behoorlijk aldaar gekield en gecalfaat, dus tot die reize bekwaam te maaken: ten waare Uwel Edelen Gest=r en E. Achtb vermeijnden, dat die verrigtingen om geen tyd te verliezen, ter deezer Rheede behoorlijk konde geschieden, on„ De ondergeteekendens hebben intusschen de Eer deeze te doen dienen voorbericht - /was geteekend:/ S: I: Lesueur, W: C: v: Reede van Oudtshoorn //In marginen/ Overgegeeven den 8 Junij 1780 Accordeert 2 „geteekend:/ J: J: Goetz: Eerte gere: Clercq Na gedane perfecte Collatie is deezen op deeten met de authentique Copije vande Secretarije Van Politie ontfangen en onder ons berustende in allen delen accordeerende bevonden. T Welk Wij getuijgen: P„: C: V: Reede van Dudtshoorn. S:V: Se Sueur E gen: Cra:A Copia Copia Eet omkenteren en in Vlot water brengen van t gestrand S E:d. Comp:s Brigantyn Scheepje de Helena Louisa publicquelijk aanbesteed zijnde, zo worden de Capitains Ter Zee Christiaan van Veerden, Laurens Smit en Klaas Keuken bij deesen expresselijk ge„ Committeerd, omme wanneer de aanneemers vanr dat werk, aan 't Eerste gedeelte van hun Contract, de omkentering zullen hebben voldaan, zig te ver voegen ter plaatze, waar op gem: Scheepje is ge„ strand, en als dan g'adsisteerd met den Baas der Scheepstimmerlieden Mijndert van Eijk ten overstaan van den Equipagemeester Cornelis Cornelisz: nauwkeurig te Examineeren de ge„ breeken die dat Scheepje bij dies Stranding heeft bekoomen, mitsgaders te onderzoeken, of het Lan de geledene Schade behoorlijk kan worden gere„ pareerd, of niet, en zo Ia, als dan te bepaalen welke VNaterialen en Equipagie goederen, daartoe zouden dienen te werden geEmploijeerd, mitsg=s binnen welken tijd die reparatien zouden kun„ nen geschieden, op hoeveel dezelve grosse modo gereekend aan dE. Comp:e zouden komen te Staan, en op meergem: scheepje door die reparatie in zodanige Staat zou kunnen werden ge„ bragt ƒ „bragt, om 't zelve met geruaheid de reijze naar Nederland te doen aanvaarden, gevende hiervan ten Spoedigsten rapport in geschrifte /onderstond/ In't Casteel de Goede Hoop den 26 mey 1790. /:lager:/ Bij absentie van den Wel Edelen Gest:rn Heer Gouverneur /:was geteekend P D: Rhenius en daaronder Accordeert /in geteek:/ C: van Aerssen secrt=s Accordeert /:geteekend:/ G: f:s Goetz, Eqau Clercq Na gedane perfecte Collatie is deeten met de Authentique Copije Vande Secretarije Van Politie ont¬ „fangen en onder ons berustende in allen deelen accordeerende bevonden. T Welk wij getuijgen J: V: Pe Sucur H J Reede van Oudtshoorn. E van 790. eert=s Cercq ijgen. rn Pra B Copia Copia. Extract uit de Conditien en Voorwaarden: Waarop de Wel Edele Achtb Heeren Mr Jacobus Johannes Lesueur en William Ferdinand van Reede Van Oudtshoorn als hiertoe spe„ „ciaal gecommitteerd uit 't mid„ e „den van den Wel Edele Acttb„ Raade van Politie deezes Gouvernements van voorneemens zijn, om van wegens de Geoctroijeerde Oost Indische Compe. der Vereenig de Nederlanden Op Vrydag, die Weezen zal den 21 May deezes Iaars 1790 - aan de minstaan„ neemende aan te besteeren 't om kenteren en Vervolgens na dat van zijne bekomene Schade zal weezen gerepareerd 't en Vlot water brengen van 't op den 12 e der afgelo„ pene maand April aan de Z0: t zyden van 't Zeehoofd gestrand Scheepje de Helena Louisa Art 1. De aanneemer of aanneemers zullen verpligt zijn ƒ 288

NL-HaNA_1.04.02_10687_0182 view scan ↗

English

to careen and heel over the aforementioned vessel, in such a manner that its keel may be visible, in order that one may be conveniently enabled to examine the damage it has sustained and, if possible, to repair the same. Below stood: Thus resolved in the Castle of Good Hope, the 17th of May 1790, in the Council of Policy. Lower: Which I witness. Was signed: E. van Aerssen, Secretary. Agrees. Signed: G. F. Goetz, First Clerk. After a perfect collation was made, this was found to agree in all parts with the authentic copies received from the Secretariat of Policy and remaining in our custody. D. F. van Reede van Oudtshoorn. Which we witness: P. V. le Sueur. Policy. which we witness: fa 6 Copy of a copy. serves to demonstrate the position in which the brigantine vessel Helena Louisa lay during its heeling over. The figure below: 60 ƒ 1 38 c K: indicates the perpendicular line, or the Zenith and Nadir. 46: Horizontal line. AB: Line of declination of the stem and sternpost. Agrees. Signed: J. F. Goetz, First Clerk. After a perfect collation was made, this was found to agree in all parts with the authentic copy received from the Secretariat of Policy and remaining in our custody. Which we witness: D. F. van Reede van Oudtshoorn. J. V. le Sueur. F E E ra 6 Copy of a copy. Right Honorable Sir, The Commission of Nautical Experts having once again inspected the circumstances in which the stranded vessel Helena Louisa is found, the defects in the keel have been shown to them as far as possible, according to the thoughts of the contractors, without awaiting what their report in that regard will be, we asked those nautical experts privately for their opinions as to what they thought was best in keeping with the Master's interests in these circumstances and crisis: to leave that vessel lying in that situation, or rather to have the contractors bring it into afloat water after its defects have been repaired, as much as time and opportunity will permit; whereupon Captains van Veerden, Duminij, and Keuken declared that they believed the latter was far to be preferred, because the said vessel, in the situation in which it was now placed, would run the risk of being completely dashed to pieces in the next storm; adding thereto, however, that they would not dare to guarantee what further leaks that vessel might have sustained beyond what had already been observed. For these reasons, we believed we should request Your Right Honorable, on behalf of the contractors, to give orders that the necessary anchors and ropes, and the ballast, be made ready at the place where that small keel will be brought into afloat water. We have the honor to remain with the highest esteem, below stood: Right Honorable Sir, Lower: Your Right Honorable's humble servants, signed: J. J. Lesueur, W. F. van Reede van Oudtshoorn. In the margin: From the beach, the 28th of May 1790. The superscription was: To the Right Honorable Sir, Mr. J. J. Rhenius, Secunde in the Government of the Cape of Good Hope. Agrees. Signed: G. F. Goetz, First Clerk. After a perfect collation was made, this was found to agree in all parts with the authentic copy received from the Secretariat of Policy and remaining in our custody. W. F. van Reede van Oudtshoorn. Which we witness: J. J. le Sueur. 119 Copy of a copy. Right Honorable Sir, I request that you send me a Government boat here to the ship as soon as possible, as, failing to receive it, I will not be responsible for the detrimental consequences that might otherwise result from this. Awaiting a prompt reply, I testify meanwhile to be, Below stood: Your Right Honorable's obedient servant, was signed: W. F. van Reede van Oudtshoorn. In the margin: Cape, the 28th of May 1790. The superscription was: To be handed to the Right Honorable Sir, J. J. Lesueur. Agrees. Signed: G. F. Goetz, First Clerk. After a perfect collation was made, this was found to agree in all parts with the authentic copy received from the Secretariat of Policy and remaining in our custody. Which we witness: D. F. van Reede van Oudtshoorn. J. J. LeSueur. 8 Cra Copy of a copy. Right Honorable Sir, Much Esteemed Cousin, I had the honor just now of speaking to the Honorable Governor, who gave me no other conclusive answer than that the report of the nautical experts had to be awaited. I have the honor to be. Below stood: J. J. Signed: Le Sueur. Agrees. Signed: P. F. Goetz, First Clerk. After a perfect collation was made, this was found to agree in all parts with the authentic copy received from the Secretariat of Policy and remaining in our custody. Which we witness: J. J. le Sueur. 8 D. F. van Reede van Oudtshoorn. Copy of a copy. Right Honorable Sir! La The ship having pitched at high tide to such an extent that it was in no way possible to keep the stern on the beach, one was consequently forced to let it go into afloat water, in order not to risk having it dashed to pieces. It currently makes one inch of water per hour without pumping. I repeat once more my solicitation regarding the Government boat, while I otherwise have the honor to call myself, below stood: Your Right Honorable's obedient servant, signed: W. F. van Rheede van Oudshoorn. Lower: Please notify the Honorable Governor and Council of this, requesting further that you preserve this note. In the margin: Cape, the 28th of May 1790. Agrees. Signed: G. F. Goetz, First Clerk. After a perfect collation was made, this was ƒ ƒ

Dutch transcription

a zijn het voornoemd Scheepje overtehaalen en om„ te kenteren, zodanig, dat de Kiel van het zelve zuchtbaar zijn, op dat men op eene gevoegelijke wijze in Staat zijn, om onderzoek te doen, na desselfs bekomene Schaade, en dezelve zoo mogelijk te repareeren /:onderstond:/ Aldus Gearresteert In't Casteel de Goede Hoog den 17 Maij 1790. In raade van Politie //Lager / 'Twelk ik getuige /:was geteekend:/ E van Aerssen Secretaris Accordeert /geteekend/ G: f: Goetz. Eg Clercq Na gedane perfecte Collatie is deezen met de authentique Copijen vande secretarije van politie ontfangen en onder ons berusten„ „de in allen deelen accordeerende bevonden. D: f„ V: eede van Oudteshoorn. — T Welk Wij getuijgen: P: V: Pe Suelen olitie. ter rende gen: n. — fa 6 Copia Copia. komt aantetoonen de positie, waar in 't Brigantijn Scheepje de Helena Louisa bij dies omkentering geleegenheeft — De onderstaande Figuur vaen — 60 ƒ 1 —38 — c K: tontaan de Perpendiculaire Linie, of de Zenith, en Nadier. — 46: _ „ Horisontale Linie — AB: _„o „ Linie van declinatie van de voorsteeven en Agter Steeven Accordeert /:geteekend:/ I: f: Gortz. EgCeercq Na gedane perfecte collatie is – 50 deelen 31: deeten met de authentique Copije vande secretarije van Politie ont„ „fangen en onder ons berustende in allen deelen accorderende bevonden TWelk Wij getuijgen Do f: V Reede van Oudtshoorn. S: V: Se Sueur F E E ra 6 Copia Copiee. WelEdele Achtb Heer De Commissie van Zeekundige nogmaals de Visite hebbende gedaan ## na de omstandig heeden, waarin zig 't gestrand Scheepje de Helena Souisa komt te bevinden, zijn hun de gebreeken in de Kiel, zoo veel zulde doenlyk is geweest, volgens de gedagten der aanneemers vertoond geworden, donder afwagting, hoedanig hun rapport daar om„ trent zijn zal, hebben wij die zeekundigen in hun particulier afgevraagd hunne gevoelens, wat zij meenden, dat best strookte in deeze omstandigheeden en Crisis met Smeesters belangens om dat Scheepje in die Situatie zoo te laaten leggen, dan wel door de aanneemers in vlot water te doen „brengen, na dat, zoo veel zulx tyd en geleegendheid zal toelaaten, van zijne gebreeken te zijn gerepa„ „reerd, waarop de Capitainen van Veerden, Du¬ minij, en Keuken hebben gedeclareerd, dat zij vermeenden, dat het laatste verre te prefereeren was, dewijl t ged„e Scheepje by de eerstkomende Storm in de situasie, waarin 't nu gebragt was, gevaar zoude loopen in 't geheel te worden verbrijreld, daar 12 en daarbij egter voegende dat zij niet zouden durven instaan, Welke Lekkasie dat scheepje nog meer zoude hebben bekomen, dan men reed had bespeurd, wij hebben om die reedenen vermeend UWel Ed Achtb uit naam der aanneemers te moeten verzoeken) ordre te willen stellen dat de nodige Ankers en Touwen en de Ballast ter plaatze alwaar dat kieltje zal worden in vlot water gebragt wor„ den ingereedheid gebragt. — Wij hebben de eer met de meeste Hoogagting te verblijven /:onderstond:/ Wel Edele Achtb Heer Lager:/ Uwe Wel Edele Achtb ootmoedige dienaar nen /geteekend/ I: I Lesueur, W: F: v Reede Van Oudtshoorn /:in margine:/ van t Strand den 28 Maij 1790 de Superschriptie was, aan den Wel Edelen Achtb Heer den Heere I: I: Rhenius Secunde in 't Gouvernement van de Caap de Goede Hoop Accordeert /geteekend, Gfb: Goetz Egerie Eeener Na gedane perfecte Collatie is deeten met de authentique copije Van Vande Secretarije Van Politie ontfangen en onder ons berus„ „tende in allen deelen accordee¬ „rende bevonden. — HV B: Reede Van Oudtshoorn. — T Welk Wij getuijgen J: A: Ce suiur 119 ije Copia Copia. — WelEdele Achtb: Heer Jk verzoeke mij zoo Spoedig doenlijk een Lands Boot alhier bij 't schap te willen zenden, terwijl bij manquement vandien te ontfangen, ik niet responsabel wil weesen voor de nadelige gevolgen, die daaruit anders zouden kunnen komen te proflueeren. In verwagting van spoedige antwoord betuige ik intusschen te zyn. /onderstond/ UWel Ed: DW: Dienaar /:was geteekend/ W: F: V: Ree„ sen „de van Oudtshoorn /:in margine:/ Cabo en 28=en Maij 1790: /:de Superscriptie was. / omme de Wel Edele Achtb Heer I: J. Lesueur in handen Accordeert /:geteekend:/ G: C: Goetz EgClercq s Na gedane perfecte collatie is deezen met de authentique copije van de Secretarije Van Politie Lra E: 6 ƒ Politie ontfangen en onder ons berustende in allen deelen accordeerende bevonden — T Welk wij getuijgen. e D: : V: eede Van Oudtshoorn S: R LeSueur 8 Cra Copia. Copia. — WelEdele Get=e Heere Veel Geeerde Neef Ik heb de Eer gehad zoo even den Edelen Heer Gouverneur te Spreeken, die mij geen ander uit,n sluitend antwoord heeft gegeeven, dan dat het rapport der zeekundigen moest worden afgewagt —. Ik heb de Eer te zyn. /onderstond:/ I: S: /:geteekend:/ Le Sueur Accordeert /geteekend/ P: f:s Goetz. EyClercq Na gedane perfecte collatie is deezen met de authentique copije vande Secretarije Van Politie ontfangen en onder ons berustende in allen delen accordeerende bevonden. —. T Welk wij getuijgen. F: V: Sueur 8 D„ : Vr Reede van Oudeshoorn. Copia Copiee. WelEdele Achtb. Heer! La Het schip met t hoog water der maten gestampt hebbende, dat men met geen mogelijkheid het agter Schip aan Strand heeft kunnen houden, is men dierhalven genoodzaakt geweest 't zelve in Vlot water te laaten gaan, ten eijnde niet te resigueeren, dat het aan stukken wierd geslagen. Het maakt thans Een duim Water in een uur zonder te pompen. Ik herhaal nogmaals myne Solicitatie omtrent de Landsboot terwijl ik overigens de eere hebbe mij te noemen /onderstond:/ UWel Edele D W: Dienaar /:geteek:/ W: F: V:r Rheede van Oudshoorn /:lager :/ gelieve hier van aan den Edelen Heer Gouverneur en Raad kennisse te geeven Verzoekende ik overigens dit Briefje te willen bervaaren /in margine:/ Cabo den 28. ' May 1790 Accordeert /.geteekend:/ G: J:s Goetz Egerw Ceercq Na gedane perfecte collatie is ƒ ƒ

NL-HaNA_1.04.02_10687_0202 view scan ↗

English

has this day been found to agree in all parts with the authentic copies received from the Secretariat of Policy and held by us. Which we testify, J. J. Le Sueur W. F. v. Reede van Oudtshoorn E. F. Copy Copy Register of Papers belonging to the report of 8 June 1790 submitted by Council Members Mr. Jacobus Johannes Lesueur and William Ferdinand van Reede van Oudtshoorn. A. Copy Copy of a written Commission of nautical experts appointed for the examination of the stranded small ship Helena Louisa. B. Extract from the terms and conditions upon which the capsizing and refloating of the aforesaid small ship was contracted. E. Figure showing the position in which the brig lay upon its capsizing. D. Copy of a letter written by Messrs. Jacobus Johannes Lesueur and William Ferdinand van Reede van Oudtshoorn to the Honorable Secunde Johannes Izaak Rhenius. Letter drawn up and dispatched by Mr. Van Reede van Oudtshoorn to Mr. Lesueur. Letter served by Mr. Lesueur in reply thereto. Letter written once again by Mr. Van Reede van Oudtshoorn to Mr. Lesueur. Agrees, /signed:/ G. F. Goetz, Sworn Clerk After a complete collation was performed, this has been found to agree in all parts with the authentic copy received from the Secretariat of Policy and held by us. Which we testify, J. J. Le Sueur W. F. v. Reede van Oudtshoorn. Letter A. Copy Copy To the Right Honorable, Highly Esteemed Sir, Cornelis Jacob van de Graaff, Governor and Director of the Cape of Good Hope and its dependencies, etc., etc., etc. Right Honorable, Highly Esteemed Sir, Your Right Honorable having been pleased to commission the undersigned Sea Captains, Christiaan van Veerden, Laurens Smith, Wietze de Boer, and Klaas Keuken, expressly to repair on board the brigantine vessel Helena Louisa, lying here at the Roads, in order there, assisted by the Master of the Shipwrights here, Meyndert van Eijk, and in the presence of the Equipment Master Cornelis Cornelisz, to examine accurately the damages and defects to be found on that vessel; reporting whether the same could properly be repaired here at the Roads in such a manner that this vessel could safely be dispatched from here to the Netherlands, or whether, for that repair, it could and also ought first to be sent from here to Saldanha Bay with peace of mind, and to provide a report thereof; So have we, in accordance with those orders, proceeded on board thither this day, and found externally no damage, as far as one could see; took up and inspected the ceiling planks as far as one could reach, without discovering any damage. All the commissioners were of the opinion, although no damage or defects were presently discovered on the ship, that the same ought to be careened for safety, except for Commissioner Captain Wietze de Boer, who was of the opinion (since he could see or discover nothing to the detriment of the ship) that the same could make a voyage to Europe with peace of mind. According to the statement of the officers of the ship, it makes 8 inches of water twice in a 24-hour period. And if it please Your Right Honorable to pay heed to the judgment of the other commissioners to have the ship careened, they are of the opinion that it should be sent to Saldanha Bay, since the season of the year would likely prevent this here at the Roads; and when it is sent to the aforesaid Bay, for greater security with Your Right Honorable's approval, in our opinion it would be best to let one of the country's boats go along, in order to assist in unforeseen events. Hereby intending to have fulfilled Your Right Honorable's honored intention, the undersigned submit this as a respectful report. /below was written:/ Cape of Good Hope, 14 June 1790 /signed:/ As Commissioners, C. van Veerden, Laurens Smith, W. de Boer, Klaas Keuken. Attached thereto, present with me, signed: M. van Eijk. /in the margin:/ in my presence, C. Cornelisz. Agrees, /signed:/ G. F. Goetz, Sworn Clerk After a complete collation was performed, this has been found to agree in all parts with the authentic copy received from the Secretariat of Policy and held by us. Which we testify, J. J. Le Sueur W. F. Reede van Oudtshoorn. Copy Letter E Extract from the Minutes held in the Council of Policy in the Castle of Good Hope on Tuesday, 15 June 1790. Report of Messrs. Le Sueur and Van Reede concerning the contracting of the refloating of the aforesaid small ship Helena Louisa. The Honorable Governor is of the opinion that the first point of the specifications has not been fulfilled, wherefore His Honor has difficulty with the payment of the contractor's fees; but His Honor solely condescends to the reimbursement of the expenses, under cautio de restituendo, and also on account of the successful outcome to solicit a favorable ruling in this regard from the Lords Masters for the contractors. Mr. Rhenius is in favor of paying the contractor's fees. Mr. van Lijnden: since the contractors are the causae moventes of the successful salvage of the vessel, to provisionally reimburse them for the out-of-pocket expenses, and this under cautio de restituendo should the Lords Masters not approve this. Mr. Lesueur. The resolution regarding this was suspended until further notice. Agrees, /signed:/ G. F. Goetz, Sworn Clerk After a complete collation was performed, this has been found to agree in all parts with the extract minutes held by us. Which we testify, J. J. Le Sueur W. F. v. Reede van Oudtshoorn.

Dutch transcription

is dezen met de authentique copijen van de secretarije Van Politie ontfangen en onder ons berustende in allen deelen accordeerende bevonden. — T Welk wij getuijgen S:S: Eesuiur D Jr: V: Riede van Oudteshoorn : E„ F: Copia Copia Register der Papieren gehorende tot het rapport van den 8 Iunij 1790 door de Raadsleeden Mr Jacobus Johannes Lesueur en William Ferdinand van Reede Van oudtshoorn ingediend —. A. Copia Copia van eene Schriftelijke Commissie van Zeekundige benoemt ter Examinatie van 't gestrand scheepje de Helena Louisa. — B3: Extract uit de Conditien en voorwaarden, waarop de om„ „kentering en in t vlotwater brengen vant voorm. Scheepje is aanbesteed „ E„ Figuur aantonende de positie waarin de Brik bij dies omkentering heeft geleegen. — „ D: Copia Missive door de Heeren Iacobus Iohannes Lesueur en William Ferdinand van Reede van Oudts„ „hoorn aan den Heer Secunde Iohannes Izaak Rhenius geschreeven _ door de Heer Van Reede van Oudtshoorn aan de Heeren Lesueur ingerigt en Verzonden _o van de Heer Cesiceur daarop in antwoord gediend hebbende _ van de Heer Van Reede van Oudtshoorn 6 andermaal aan de Heer Cesueur geschreeven Accordeert /was geteekend:/ G: f: Goetz Egrw Ceereq Na gedane perfecte collatie is desten v 9. ƒ deelen met de authentique copije vande Secretarije van Politie ontfangen en onder ons berustende in allen deeen accordeerende bevonden. — T Welk Wij getuijgen J: V: Le Sueur Wo J:d„r Reede van Oudtshoorn. - L„a P. Copia Copia Aan den Hoog Edelen Gest: Heere Cornelis Iacob van de Graaff Gouverneur en Directeur van Cabo de Goede Hoop en den ressorte van dien &rs &k &n me Hoog Edele Gest=r Heer Uw Hoog Ed: Gest=r de onderget: Capitains ter Zee Christiaan van Veerden, Laurens Smith Wietze de Boer, en Klaas Keuken expers hebbende gelieven te Committeeren, om zich te begee„ „ven aan Boord van het alhier ter Rheede leggende Brigantijn Scheepje de Helena Louisa, om aldaar geadsisteerd met den Baas der Scheepstimmer„ lieden alhier Meyndert van Eijk, en ten overstaan van den Equipagiemeester Cornelis Cornelisz naauwkeurig te examineeren de Schaden en gebreeken die zig aan dat scheepje komen te bevinden, opgeeven; de, of dezelve alhier ter Rheede behoorlijk zoude kunnen worden gerepareerd zoodanig, dat die bodemn met veyligheid wan hier naar Nederland zou kunnene worden gedepecheerd. - dan wel of hetzelve eerst, tot die reparatie, van hier na de Saldanhabaaij # met met gerustheid zou kunnen, en alsdan ook behooren te worden afgezonden - en daar van te dienen van bericht Zoo hebben wij ingevolge die ordres, ons op heeden derwaards aan Boord begeeven, en bevonden uitterlij geen schaade, zo verre men zien konde, de Vuelling Planken opgenoomen en gevisiteerd zoo verre men bij konde Komen, zonder eenig Schaade te ontdekken alle de gecommitteerdens waaren van gevoelen, al „hoewel men thans geen schade ofte gebreeken aan het Schip ontdekte, dat hetzelve diende gekield te worden voor zeekerheijd, exept de Gecommitteerde Capitain Wietze de Boer, die van gevoelen was /:terwijl hij niets konde zien of ontdekken ten nadelen van het Schip :/ dat hetzelve Een Voyage na Europ met gerustheid zoude kunnen doen. Volgens opgaaf vande officieren van het Schip maakt het zelve B„en water twee maalen in een Emaal En zoo het Uwel Edele Gest:r gelieve Observatie te Slaan aan 't oordeel van d'overige Gecommitt=n om het Schip te laaten Kielen, zoo zijn zij van gevoe„ „len, dat het zelve na de Saldanhabaaij diende ge„ zonden te worden, vermits het Iaar Saisoen zulx hier ter Rheede waarschynlijk zoude beletten, en wanneer het naar de voorrn: Baays word ge„ zonden, tot meerder securiteit met Uwel Edele Gest=r goed goedkeuring na onze gedagten, best zoude zijn, een der Landsboots te laaten meede gaan, om bij onverhoopte toevallen te kunnen adsisteeren—. Hiermeede gedenkende aan Uw Hoog Edelen Gest=r geeerde Intentie te hebben voldaan laaten de ondergeteek:d deesen dienen voor eerbiedig rapport. /onderstond./ Cabo de Goede Hoop den 14 Iunij 1790 — /geteekend:/ Hes Gerommitt. / C: van Veerden, Laurens Smith, W: de Boer, Klaas Keuken daar annex mij presents get: M: V:r Elk / in margede:/ ten mijnen Overstaan C: Cornelisz. Accordeert /:geteekend:/ G: f: Goetz Eg Clercq Na gedane perfecte collatie - is deezen met de authentique copije vande Secretarije van Politie ontfangen en onder ons berus„ „tende in allen deelen accordee¬ „rende bevonden. — T Welk wij getuijgen. J. D e Sueur W: H: Reede Van Oudteshoon. E Copia L„a E ƒ Dingsdag den 15 Junij 1790 — Rapport van de Heeren Le Seicier en Van Reede nopens de aanbesteeding, van het vlotbrengen, van voorsch:r Scheepje de Helena Louisa de Edele Heer Gouverneur is van gevelen, dat niet vol„ daan is aan het eerste poinct van 't bestek, dus maakt zijn Ed Swarigheid tot de betaaling van de aanneemspenn: maar alle en Condescendeert zijn Ed: in de vergoeding van de onkosten, onder Cautie de restituende, adoek uit hoofde der gelukkige uitslag eene favorable dispositie hierom„ ly trent van de Heeren Meesteren voor de aanneemers solliciteeren. De Heer Rhenius is er voor om de aannemers penn te voldoen De Heer van Lijnden; vermits de aanneemers de Causae moventis zijn, van het gelukkig behoud van 't Scheepje aan hen provisioneel de uitgeschooten Kosten te vergoeden en ziela onder Cautie de restituendo, zo de heeren mees„ „teren zulks niet mogten approbeeren — De Heer Lesueur De Resolutie hier omtrent gesurcheerde tot nader. Accordeert /geteekend:/ I: f:s Ioetz EgClercq Na gedane perfecte collatie is Extract uit de Notulen gehouden in Vergaderinge van Politie In 't Casteel de Goede Hoop op deezen 4 - - deezen met de Extract notulen onder ons berustende in allen deelen accordeerende bevonden T Welk ij getuijgen P: H: PeSuiur J B„: J: V Reede Van Oudtshoorn. „„

NL-HaNA_1.04.02_10687_0217 view scan ↗

English

Copy La R Extract from the Minutes held in the Council of Policy In the Castle of Good Hope C: Tuesday the 15th of June 1790. To send a Member of the Council to Saldanha Bay to supervise the rebuilding of the Helena Louisa. NB: this having been resolved by a majority of votes, the Gentlemen Governor and Fiscal protested against this, being of the opinion that such a Commission is not compatible with the character of a Member of this assembly, their Honors being unable to determine what such a Commission ought to entail, as the Equipagemeester is commissioned with the direction of the shipbuilding. Agrees signed: P: H: Faure, sworn Clerk After a perfect collation was made, this was found to agree in all parts with the extract minutes resting among us. Which we witness J: de Reede van Oudtshoorn. L: F: Lesueur La S. Copy of a Copy To the High Government The Right Honorable Lord Cornelis Jacob van de Graaf Governor and Director of the Cape of Good Hope, together with the Honorable Council. The undersigned, having been commissioned by Your Right Honorable and Honorable Council to proceed on board the brig the Helena Louisa, together with the Sea Captains Christiaan van Veerden, Laurens Smit, Klaas Keuken, in the presence of the Master of the Shipwrights here, Myndert van Eijk, and in the presence of the Equipagiemeester Cornelis Cornelisz, to examine the damage that this ship may have sustained, and whether that damage should be repaired here or in Saldanha Bay, is of the opinion, as the Brig was found to be without any defects, that it can undertake the voyage from here to the Netherlands; but as the reasons for this his opinion could not be expressed clearly enough in the report, he deemed it necessary to make these reasons further known to the High Government, namely, that he, the undersigned, found that as far as all the inner works of the floor timbers, the garboard strake of the keel, along with the two aft and forward riders, the keelson and its ceiling are so joined together, that one cannot perceive the least deviation whatsoever of one or the other, indeed not even a seam in the entire bilge has expanded in the slightest, and thus, as I believe, no damage to the keel or garboard strake can be discerned to the detriment of being able to make a voyage to the Fatherland. In the hope of favorable consideration, the undersigned presents this to serve as a further Report. below stood: Cape of Good Hope, the 16th of June 1790 — was signed: W: de Boer After a perfect collation was made, it was found to agree in all parts with the authentic copy received from the secretariat of policy and resting among us. — W: F: v Reede van Oudtshoorn. — Which we witness. — P: V: Lesueur Agrees was signed: G: C: Goetz: Sworn Clerk La I. Copy of a Copy. Right Honorable Lord Honorable and Respected Sirs! The undersigned, having heard read the drafted Resolution of the business transacted at the last held Assembly of the 15th of this month, with respect to the grounded, but again refloated Brigantine vessel the Helena Louisa, in order now to submit the same to resumption. Learned from it with nothing but the utmost surprise, that at the close of that Resolution, the Commission to Saldanha Bay proposed by Mr. I: I: Rhenius was concluded by a so-called majority, and decreed upon Messrs. Lesueur and van Reede van Oudtshoorn. The undersigned had flattered himself that this so-called majority, weighing the reasons presented in Council by him as well as by the Honorable Lord Governor, on account of which they were of the opinion that this Commission was unnecessary, contrary to the dignity of these council members, To the Governor and Council of Policy of the Castle Cape of Good Hope and would be of not the slightest effect, would have acquiesced therein: All the more since those Gentlemen Commissioners would always retain the facility, if they so wish, to go for their own private satisfaction and make the inspection of the said vessel or of its keel, without there being any the least necessity to appoint such a Commission, which cannot fail to cause some expenses to the Honorable Company, be it much or little. The undersigned therefore finds himself, upon further reflection, in his capacity as fellow Member of this council, to whom the concerns and the interest of his Lords and Masters, both in the aforementioned capacities and by his Instruction in his capacity as Independent Fiscal, are most strongly recommended, obliged and compelled to protest in the most formal manner of nullity and invalidity against this made Conclusion, as having been formed and taken in a completely improper, unlawful, and irregular manner, as well as against all costs and further consequences arising therefrom, leaving them all to the private accountability and settlement of those Members! 1st, because the decreeing of such Commissions, whereby the Honorable Company comes to incur some costs, never

Dutch transcription

Copia La R Extract uit de Notulen gehouden in Vergadering van Politie In't Casteel de Goede Hoop C: Dingsdag den 15 Iunij 1790. Een Lid van den Raad te renden naar de Saldan„ a „ha Baaij, om toezigt te houden over de vertimmering van de Helena Louisa - NB: hiertoe bij meerderheid van stemmen geresolveerd, e hebben de Heeren Gouverneur en Fiscaal hier tegen bly geprotesteerd, als van gedagten zynde dat zodanige Com„ „missie niet Compatibel is met het Character van een 68 verss Lid deezer vergadering, kunneerde Hun Ed„s niet bepalen, wat zodanige Commissie moet behelren, als zynde den Equipagemeester gedemandeert de direc„ „tie over den Scheepsbouwo. Accordeert /geteekend:/ P: H: Faure g Clercq Na gedane perfecte Collatie is deeten met de Extract notulen onder op onder ons berustende in allen deelen accordeerende bevon¬ T welk wij getuijgen J: d„ Leede Van Oudtshoorn. L: F: Eesueur „den. La S. Copia Copia Aan den Hooge Regeering Den Wel Edele Gestrenge Heer Cornelis Jacob van de Graaf Gouverneur en Directeur van Cabo de Goede Hoop beneevens den E: Achtbaaren Raad. De ondergeteek: door Uwel Ed: Gest: en Ed: Acttb„e Gecommitteerd geworden zijnde, om beneffens de Capitains ter Zee Christiaan van Veerden, Laurens Smit Klaas Keuken, in 't laweeren van den Baas der Scheeps Timmerlieden alhier Myndert van Eijk, en ten overstaan van den Equipagiemeester Cornelis Cornelisz zig aan boord van de brik de Helena Louisa te begeeven om te onderzoeken na de Schade, dewelke dat schip mogte hebben bekomen, en of die Schaade hier of in de Saldanhabaaij, zoude moeten worden gerepareerd, zo van gevoelen dewijl de Brik zonder eenige gebrecken bevonden, de rijze van hier naar Nederland te kunnen aanneemen, maar dewijl de reedenen van dit zijn gevoele in 't rapport niet duidelijk genoeg heeft kunnen worden uitgedrukt, heeft hij gemeend die reedenen nader aan de Hooge Regeering te moeten bekend maaken, namentlijk, dat hij ondergeteekende be„ vonden heeft, dat zo verre alle de binne werken van van de Leggers Landstrook van de Kiel beneffens de twee agterste en voorste Sluytbanden, bolswijn zijn binnewijgering zodanig in elkanderen geslooten zijn, dat men 't minste ontwijking hoegenaamt van 't een of ander kan gewaar worden, Ia zelfs geen naad in de gantsche buikdelling zigt minste heeft uitgezet, en dus zoo ik meen geene schaaden kan worden Kiel of Sandstrook ^ ontwaard ^ ten naadeele om een Rijxe na Vaderland te kunnen doen Inhoope van gunstige weldenkinge laat de ondergeteek: d deeze dienen voor nader Rapport /onderstond:/ Cato de Goede Hoop den 16 Iunij 1790 — /was geteekend/ W: de Boer Na gedane perfecte collatie is deelen met de authentique Copije vande secretarije van politie ont„ „fangen en onder ons berustende in allen deelen accordeerende bevonden. — W„ f: V Reede van Oudtshoorn. — T Welk wij getuijgen. — P: V: Lesuiur Accordeert /was get:/ G: C: Goetz: EiCeercq S oom. L„a I. Copia Copiae. Wel Edele Gestrenge Heer Edele en Achtbaare Heeren! De ondergeteekende hebbende hooren leezen, de ge„ coucheerde Resolutie, van het gebesoigneerde op de laatst. 1 gehoudene Vergadering van den 15=e deezer, met betrek„ „king tot het gestranden, dach weederom in vlot water gebragte Brigantijn Scheepje de Helena Louisa ten einde dezelve als nu de resumptie te doen passeeren. Heeft niet dan met de uiterste Surprise daar„ „uit vernomen, dat bij slot dier Resolutie/ die door den Heere I: I: Rhenius geproponeerde Commis„ „sie ona de Saldanhabaay, geregeword bij eene zooge„ naamde meerderheid te zijn geconcludeert, en op de Heeren Lesuieur en van Reede van Oudtshoorn te zijn gedecerneert. De ondergeteekende had zich geflatteerd, dat die zoo n „genaamde meerderheid, pondererende de reedenen, zo door hem als door den Edelen Heer Gouverneur in Raade voor„ „gesteld, omme welke zij van advijzen waaren, dat deeze Commissie onnodig Contra digitatem deezen raadsleeden, Aan Gouverneur en Raaden Van Politie des Casteels Caboe„ de Goede Hoop en ƒ e en van geen het minste effect zoude zijn, daarinne zoude hebben geacquiesceert: Temeer nadien die Heeren be Gecommitteerdens altoos de facilteit blijven ^ houden omme Sivelent, voor hun particulier, de inspectie van het genoemde scheepje ofte van deszelfs Kiel te gaan doen, zonder dat er eenige de minste noodzake„ lijkheid in was, om zodanig eene Commissie, welke niet nalaten kan eenige kosten voor d' E Compagni 't zij dan veel ofte weinig te moeten veroorzaaken, te nomineeren. De ondergeteekende vindrich over zulks bij nader re„ flexie, in zijne qualiteit als meede Lid van deezen raade aan wien de belangens en het interesse zyner Heeren Meesteren, zo in de evengem: betrekkingen, als bij zijne Instructie; in qualiteit als Independent Fiscaal, ten sterksten zijn aanbevolen, verpligtende genood„ drongen, teegens deeze gemaakte Conclusie ten cieren „lijksten van nulliteit ende verval, te moeten pro„ „testeeren, als zijnde op eene gantsch onbetaambare, on„ „wettige en Prriguliere wijze geformeerten genomen. mitsgaders teegens alle kosten en verdere gevolgen daar uit te ontstaan; dezelve alle ter Particuliere ver„ antwoording en voldoening dier Leeden overlaatende! 1=o om dat het deserneeren van zodanige Commissien; waar door dE Comp:e eenige kosten komt te ondergaan nimmer

NL-HaNA_1.04.02_10687_0227 view scan ↗

English

never with a majority, but always with unanimity of votes, must be resolved, unless significant and plausible reasons present themselves from which one can conclude that, in the contrary case, the failure to establish such a commission would cause more damage to the Company's interests than the commission itself might cost; which the undersigned must declare he can at present by no means discover therein. Secondly, because no majority even exists here, since the gentlemen commissioners, throughout the entire business regarding or concerning the said vessel, can never maintain that they retain a concluding vote, but only an advisory one; especially also in decreeing a commission concerning themselves, so that only four conclusive votes then remain, whereof beyond dispute, that of the Lord Governor, joined with that of the undersigned, against the votes of the two remaining members, the gentlemen Rhenius and De Wet, must have the preponderance, and thus form the conclusion on their side. Thirdly, because although it is generally established in Europe, in accordance with the order of government and of deliberation, that a presiding member or president of an assembly cannot be considered otherwise than as a primus inter pares, whose duty it is solely to bring matters to deliberation in order and in their due time, to call for the opinions of each of the other gentlemen members in their turns, according to order and rank, to hear with modesty and patience the differing voices and sentiments, to collect the same, to form a pertinent conclusion therefrom, and to dictate it to the secretary or clerk; as well as also to care for and watch over good order in, and the decorum of, his college. From which it then naturally follows that he is also obliged to adopt such conclusions wherein outvoting takes place, per plurima, even were they running contrary to his own opinion. It is nevertheless no less true that this does not hold, but assumes an entirely different character in a colony, namely in a governing council where everyone, and thus the members of the council as well as all others, owe all respect, deference, and submission to the chief commander, and where it would have a very bad appearance for the public, indeed could be of the most dreadful consequences, if the majority of the members together were to make an agreement and accord to regulate certain points among themselves according to their pleasure, against the approval and sentiment of their commanders, and would then want to compel him to conclude them according to their inclinations, regardless of whether he understood that they conflicted with the Company's interests or not. And even more so, Most Noble and Strict Lord and Noble Respected Lords, when the members were mostly all related by marriage to one another, and some of them, having already served on a similar commission relating to the very same matter, had not adhered all too strictly to their received instructions, whether through precipitancy, all too great zeal, or otherwise, and consequently thereby, as well as through their discourses held ex post in the assembly, had given rise to more or less a suspicion that the strictest impartiality had not been completely observed by them. While, on the contrary, every impartial and right-thinking person, when judging calmly according to reason, will have to agree that it is in complete accordance with equity and prudence that the chief commander is left the liberty and power to conclude, or else leave entirely without conclusion, such proposals as might be made, which he should deem to conform, or not to conform, with his Lord Masters' essential interests, whether immediately or in their consequences, as often and for as long as his good counsel and the gravity of the matters should warrant, all under his personal responsibility. For indeed, the members of the council cannot be considered to be anything other than councillors assigned to the chief commander, in order to enlighten and assist him in the charge laid upon him with their advice, counsel, and assistance. Yet they by no means possess the power to intrude and meddle in his post or command, to diminish, lessen, and curtail his authority, or, against his pleasure, to adopt any resolutions, bring them to a conclusion, and issue orders in accordance therewith. Just as he also, bearing the greatest responsibility—indeed, the administration and preservation of the colony being entrusted and commended to his oversight and good care—must also retain the greatest and a commensurate power and authority, in order to be able to discharge his duty properly, unhindered and unobstructed, in accordance with his instructions and received orders. Fourthly and finally, because the undersigned's instructions distinctly prescribe and command him in article 1 to observe, protect, and maintain with all diligence and earnestness the rights, jurisdictions, sovereignty, and authority of the Sovereign; and by lawful consequence therefore also that portion thereof which has been ceded and entrusted by the Very Same to the Chief Commander of the Colony. Below was written: Done at the Cape, 23 June 1790. Was signed: I. N. S. van Lynden Agrees Signed: P. H. Faure, Clerk After a perfect collation having been made, this was found to agree in all parts with the authentic copy received from the Political Secretariat and resting among our records. Which we witness. P. V. Le Sueur

Dutch transcription

nimmermeer met eene meerderheid maar althoos met rinanimiteit van stemmen moeten worden geresolveert, zo er geene verheffelijke en Plausibele reedenen zich komen voor te doen, waaruit men kan opmaaken, dat in Contrarien val, bij het niet maaken van zulk eene Commissie meer nadeel zoude worden toegebracht aan 's Comp:s belangens, aan de Commissie zelve zoude kunnen kosten. welke den ondergeteekende moet betuigen thans daarinne geenzints te kunnen ontdekken. 2=e om dat zelve hier geene meerderheid eristeerd, nademaal de Heeren Gecommitt=s in de gantsche Besoigne omtrent ofte over het gemelde Vaartuig, nooit eene Concludeerende, maar alleen eene ad viseerende Stemme kunnen Sustineeren te hela „leen; vooral ook meede in het decerneeren eener Commissie op hun zelven, zo dat er dan maar= vier Pota Conclusiva overblijven, waarvan zonder teegenspraak, die van den Heere Gouverneur, gevoegt bij die van den ondergeteekende, tegens de Stemmen der twee overige Leeden de Heeren Rhenius en De Wet de prae ponderance moe„ ten hebben, en dus de Conclusie na Bunng zyde formeeren. 3=o om dat al hoewel het in Europa gene raliter Conform n re„ on volgen ver„ sien aan Conform de ordre van Regeeringe en van delibereeren vastgaat, dat een voorzittend Lix of Praesident eener ver„ „gadering, niet anders kan werden geconsidereert, als eene Primus iiter Sares, weens post het alleen is de zaaken in ordre en op hunnen tyd ter deliberatie te brengen, een ieder der overige Heeren Leeden op hunne beurten, derzelver advijzen na ordre en rang af te„ vragen, met beschiedendheid en geduld te aanhooren de verschillende stemmen en de gevoelens, derzelve te colligeeren, daar uit eene pertinente conclusie te formeeren Exclasie te a#en en die aan den Secretaris ofte Griffier te dicteeren; gelijk meede ook voor de goede ordre in, en het decoruum van zijn Pellegie ter zorgen en te waaken. — Waaruit dan van zelve volgt, dat hij ook verpligt is zodanige Conclusien, waarinne overstemminge plaats heeft, per plurima, al waaren dezelve tegen zijn eige advijs aanloopende, te moeten neemen. — Het egter niet minder waar is, dat zulks geen stand en houd, maar eene gantsch andere gedaan te krijgt in eene Colonie, in een Collegie van regeering nament„ lyk alwaar een iegelijk, en dus zo wel de Leeden des raads als alle andere aan den Hoofdgebieder alle respect, eerbied en deference verschuldigt zijn, en al waar het eene zeer gueade gratie voor 't Publicq zoude heb„ „ben, Ia van de allerschromelykste gevolgen zoude kunnen kunnen zijn, wanneer de meerderheid der Laeden te zamen een afspraak en overeenkomste maakten, omme eenige poincten na hun welgevallen, tegens het goedvinden en sentiment van hunne gebieders, onder zich te reguleeren, en hem als dan wilde dwingen, dezelve na hunne Sinnelijkheid, om 'teven of hij begreep, dat dezelve teegens Compagnies Belangens streeden, dan niet, te moeten Concludeeren. En nog meer Wel Edele Gestrenge Heer en Edele Achte Heeren wanneer de Leeden meest alle onder elkan „deren vermaagdschapt waaren, en eenige hunner reets in zoortgelijke Commissie, die tot een zelvde zaak relatief was, geweest zynde, zich niet al te prae„ stiptelijk bij hunne ontfangene Last, 't zij door Axci„ pitance, al te grooten ijver, ofte anderzints hadden gehouden, en gevolgelijk daar door, gelijk meede door hunne discourssen, ex post in de Vergadering ge „houden min of meer Een Soupéon hadden doen geboren worden, de Strikste onzydigheid bij hun niet volkomen te zijn geforeert geweest. Terwijl ter Contrarie een ieder onpartidig en weldenkend mensch, wanneer hij bedaarden na rede „lijkheid wil oordeelen, zal moeten toestemmen, het met de billijkheid en voorzigtigheid volkomen overeen te Komen. krijgt de Dat Dat aan eenen Noordgebieder de faculteit en magt word vrij gelaten, omme zodanige voorstellin„ gen, die ergedaan mogten werden, welke hij met zijner Heeren Meesters, wezentlijk Interessen 't zij terstond of bij de gevolgen, zoude vermeenen, al of niet te Strooken, te Concludeeren, dan wel gehee buiten Conclusie te laten, zo dikwijls en zo lange, als zijnen goeden raad, en 't gewigte der zaken zoude gedraagen. alles ten zijnen privative verantwoordinge Daarimmers de Leeden des raads, niet anders kunnen worden geconsidereert te zijn, dan raaden den Hoofd Gelieder toegevoegt, omme hem, in den last hem opgelegt, met hunne advysen, raad en bijstand voor te ligten ende te adsisteeren. Maar geenzints de faculteit bezitten omme hun zelven in zynen Post ofte gebied in te dringen ende te ingereeren, zijne authoriteit te verminderen, verklijnen en te beknibbelen, ofte tegens zijn wel„ behagen, eenige Resolutien te neemen, ter Conclusie te brengen en dien Conform ordres uit te deelen. Gelyk hij ook de meeste verantwoordinge Hebbende, Ia het bewind ende behoud der Colonie aan zijn toezigt en goede zorge zijnde toevertrouwt en aanbevolen, aan hem dan ook de meeste en eene geëvenredigde magt en authoriteit moet verblyven, omme 6 omme zich van zijnen perlicht, Conform zijne Instructie en ontfangene beveelen, ongegeneert en on verlet be„ „hoorlijk te kunnen kwijten 4=o En Eindelijk om dat des ondergeteekendens In„ „structie, hem articulo 't distinct voorschryft en ge bied, — met allen Vlijten ernst, te bervaaren, be„ „schermen en voortestaan, de rechten, Iurisdictien, Hoogheid en authoriteit van den Souverain; En bij wettig gevolg dus ook dat gedeelte daar van t' welke door Hoogst denzelven aan den Hooft= Gebieder der Colonie is afgestaan ende toebetrouwt /onderstond:/ Actum Cabo den 23 Iunij 1790:— /was geteekend:/ I: N: S: van Lynden Accordeert /geteekend:/ P: H: Faure GCeercq Na gedane perfecte collatie is deezen met de authentique Copije ze vande secretarije van Politie ontfan„ „gen en onder ons berustende in allen deelen accordeerende bevonden. — Di re Eedevan udtshoorn. T Welk Wij getuijgen. P: V: Pe Suieur me gen ng n

NL-HaNA_1.04.02_10687_0233 view scan ↗

English

Litera 22. Copy. Of a copy:— Whereas at the session of the 23rd of this month there were resumed all such resolutions as were taken by this Council on the 15th preceding with respect to various matters, yet the undersigned were by no means able to find inserted therein the decision arrived at upon the proposition made by the Right Honorable the Governor concerning the payment of the stipulated contract moneys to the entrepreneurs for the careening and bringing into deep water of the vessel the Helena Louisa that had been stranded, regarding which, when two reports were laid upon the table, the one drawn up by the co-undersigned members of this Council Lesueur and van Reede van Oudtshoorn, the other by nautical experts who had been commissioned by the said Governor to examine into the present condition of the aforementioned vessel the Helena Louisa, assisted by the Master of the Shipwrights and in the presence of the Equipment Master of this Government, his Honor pleased to propose by way of preliminary advice to the Assembly that the petition of the aforementioned contractors, being the Junior Merchant Jan Fredk Kirsten and the Bookkeeper Petrus de Wit, which had been circulated among the members of the Council, should be dismissed, as they had not complied with the contract of agreement according to the report of the nautical experts expressly commissioned for that purpose by his Honor, and subsequently to embrace the advice of the Honorable Independent Fiscal van Lynden, tending to the effect that only such sum of money should be paid out to those contractors as they would have expended according to a specific account to be handed in by them, on condition, however, that they should restore the amount of those moneys to the Honorable Company in case the High and Mighty Lords Masters should judge that, on account of the failure to fulfill the first article of the contract, that payment ought not to have taken place, adding such reasons and motives as his Honor thought served to support this proposition: to both of which opinions the undersigned objected, and concluded that, since those contractors, pursuant to the contents of the aforementioned report of the commissioners, had fully performed their task, the agreed moneys ought also to be paid to them; so the undersigned take the liberty to request that the decision thus lawfully taken by the majority may yet be inserted into the aforementioned resolution of the 15th of this month: finding themselves obliged, in case of refusal thereof, whereby the said resolution would thus remain suspended, as the Right Honorable the Governor was pleased to declare, to protest in the strongest terms against such a mode of proceeding, as being contrary to the Honorable Company's express orders, and of which perhaps no precedent will be found in the retroacta of this Government, while the undersigned, in support of the reasons that moved them to take that resolution, think they may advance that, without wishing to take into consideration whether or not the Council itself, upon the proposal of the members who were commissioned to that contract and its consequence, having embraced the propositions presented by those contractors, departed from the drafted points of the agreement: in this matter there ought above all to be taken into consideration, not only the aforesaid report of the council members, as one wherein it was shown on very plausible grounds and sufficiently proved that those contractors had fully satisfied the contract, especially in its fortunate consequences for the purpose of this Government, but even also that those nautical experts in that report, upon which the minority bases its opinion, actually did not comply with the contents of their commission, being therein only ordered carefully to examine the defects which the said vessel might have sustained during its stranding, after the performing of the careening, and also to investigate whether it could properly be repaired of the damage sustained, or not, if so, then to determine what materials and equipment stores would have to be employed for that purpose, and also within what time those repairs could be effected, how much the same, roughly speaking, would come to cost the Honorable Company, and whether the aforesaid vessel could by that repair be brought into such a state as to cause it with safety to undertake the voyage to Europe: without mentioning a word about the keel: that the article of the contract upon which the reasoning of the Honorable Governor rests does not contain the exposing of the keel, in such a manner as that nautical commission came to demand in so singular a manner, and continually insisted upon, but a

Dutch transcription

L„a 22. Copia. Copiae:— Vermits Tersessie van den 23 Deeser geresumeert zijn geworden alle zodanige Resolutien, als op den 15e bevorens ten opzigte van differente zaken bij desen raade zijn genomen geworden, dog de ondergeteek:d daarbij geen zints hebben mogen geinsereerd vinden het besluit gevallen op de Propositie door den Wel„ Edele Gestr. Heere Gouverneur betreffende de betalinge der gestipuleerde aanneemings pennin „gen aan de Entrepreneurs tot het omkenteren en in slot water brengen van 't gestrand geweest scheepje de Helena Louisa, welker aangaande zijn Wel Edele Gest„r wanneer ter Tafel waren gebragt, twee rapporten 't eene geformeerd door de meede onderget: Leeden deeses Raads Lesueur en van Reede van Oudtshoorn, 't ander door zeekundigen is door wel opgem: Heere Gouverneur gecommitteerd ge „weest, om geadsisteerd door den Baas der Scheeps„ Timmerlieden, ten overstaan van den Equipagie „meester deezes Gouvernements, te onderzoeken naar den tegenwoordigen toestand van bovengem: Vaartuig de Helena Louisa, bij wyse van Praeadvijs der Vergadering gelievde voor te draagen, om het bij de Leeden des Raads in rondleezen geweest zijnde Request der bovengem: aanneemers, zijnde ge weest den onder Koopman Jan Fredk Krsten, en en den Boekhouder Petrus de Wit, als volgens het Rapport van zeekundigen door zijn Wel Edele daartoe expres Gecommitteerd, niet hebbende voldaan aan het Contract van aanneming, te wijzen van de Pand, en vervolgens te amplecteeren het advijs van den heer Jndependent Fiscaal van Lynden tenderende, dat aan die aanneemers zouden worden uitgekeert, al „leen zodanige Som van penn: als dezelven volgen eene door hem inteleevere Specifique reekening zou¬ de hebben uitgeschoten, onder Conditie egter, van het bedragen dier penn: weder aan d' E Comp„e te zullen restitueeren, ingevalle de Hooggebiedende Heeren Meesteren, zoude mogen Oordeelen, dat uit hoofdens temanquement der Voldoeninge aan het eerste Articul van aanbestedinge, die uitbetalinge niet had behoren te geschieden, met bijvoeginge van Ezodanige redenen en Motives, als zijn WelEdele meende tot Staving van deeze propositie te ver„ strekken: aan wel ^ bij der gevoelens door de onderget zijn gecontraciceert geworden, en door denselven ge¬ concludeert, dat, dewijl die aanneemers, ingevolge den inhoude van het bovengem: rapport der Gecommitt=s volkomen aan hunnen taak, hadden beantwoord, aan hun ook de bedongen penn: behoorden te worden voldaan; zo neemen de ondergeteekendens de Vryheid te 3 te verzoeken, dat het besluck alzoo by, de meerderheyd wettig genomen, als nog bij bovengem: Resolutie van den 15 deezer magt worden geinsereerd: zig verpligt vindende, bij wijgering vandien, waardoor alzoo de zelve Resolutie, gelijk den Wel Edele Gestr: Heer Gouverneur heeft gelieven te deplareeren zoude blyven gesurcheert, tegens eene zodanige Dandelwijze, als strijdig met sEComp„s uijtdrukkelyke ordres, en waarvan missschien geene Voetschappen in de retroacta dezes Gouvernements te vinden zullen zijn, op het Hterkste te Protesteeren, Terwijl de ondergeteek:d tot Staving der reedenen, die hun heb „ben gemoveerd tot het nemen dier Resolutie mee„ nen te mogen advanceeren, dat zonder in aanmer„ king te willen neemen, of niet den Raad zelve op voordragt der Leeden gecommitteerd geweest tot die aanbesteeding en derzelver gevolg, hebbende, geamplecteerd de propositien door die aanneemens gepresenteerd, is afgegaan van de ontworpen po: „incten van aanneminge: In deeze zaak voor al diende in aanmerkinge te komen, niet alleen het voorsch: Rapport der raadsleden, als waarin op zeer aannemelijke gronden, en genoegsaam is bewesen geworden, dat die aannemers aan het Contract, vooral in derzelver gelukkige gevolgen aan hed aan het oogmerk dezer Regering volkomen hebben voldaan, maar zelv ook dat die zeekundigen in dat rapport, waarop de minderheid haar gevoelen bouwd, eijgentlijk aan den inhoude hunner Commissie niet hebben voldaan, als werdende daarin alleen gelast, de gebreken, dewelke het gem: Scheepje bij dies Stranding mogte hebben bekomen, na het verrigten der omkentering, naauwkeurig te examineeren, mitsg=s te onderzoeken, of het van de geleden Schade behoorlijk konden worden gerepareerd, of niet, zoo Ia als dan te bepalen, welke materialen en Equipagie goederen daartoe zouden moeten worden geEmploijeerd, mitsgaders binnen welken tyd, die reparatien zouden konnen geschie den, op hoeveel dezelven, Grosse modo, aan dE Compe zoude komen te Staan, en of meerm: Scheepje door die reparatie in zodanigen staat zoude konnen worden gebragt, om hetzelve met gerustheijd de reijze na Europa te doen aanneemen: zonder een woord te reppen van de Kiel: Dat het articul van aanbesteding waarop het raisonnement van den Heere Gouverneur Steund, niet inhoud de blood, stelling der kiel, zoodanig als die zeekundige Com„ „missie zulx op zoo eene Singuliere wijze heeft komen te vorderen, en daarop geduurig aangedrongen, maar e

NL-HaNA_1.04.02_10687_0237 view scan ↗

English

but only that the contractors would have to careen the said vessel in such a manner that the keel was visible: that this, according to the repeatedly mentioned report of the council members, was fulfilled in the presence of a large number of spectators, not only that part of the vessel being sufficiently visible to a height of 4 to 5 duimen according to their statement, but Captain Rion, having commanded the English King's ship The Guardian laid up here, and who seems to have had the kindness to assist the contractors in this work with his advice and help, had also, in the presence of that nautical committee, gone over and felt the entire keel from below with the flat of his hand, without having been able to discover any defect therein: that even if one wished to attach a stricter interpretation to that article, the observance thereof, according to the well-founded remarks in that report, could even then only be demanded if some well-founded fear had arisen that some defect or damage had come to that part of the vessel, in order to then bring the ship into that position so as to be able to repair it properly; which, however, it being found that the said little ship had sustained no leakage of importance, prudence would rather have advised to effect upon the water as opportunity on this roadstead or in Saldanha Bay might afford, rather than by a dangerous careening on the beach, and the same nautical committee ought therefore much less to have supposed this to have been the intention of that article, because according to arguments held by other experts on the subject, such an exaggerated careening of a ship of ordinary strength occurring on the beach would be nearly irresponsible: although the repeatedly mentioned contractors, upon being asked by the committee members, declared that they found no difficulty at all in heaving that little ship, it being built entirely of teak wood, and considering its extraordinarily strong construction, over its keel, if they could have been supplied from the Honorable Company's equipment warehouses with the required ropes according to their demand: that by the contractors, assisted by experts, the most accurate investigation was made into the condition of the repeatedly mentioned little keel, even before its careening, both from inside and outside, without anything having been able to be discovered from which the slightest objections could arise that it, through the stranding, had sustained any other mishap, especially not to the keel, other than that which was discovered by the contractors during the careening and was also properly repaired: that all this is established, because the frequently mentioned little ship, notwithstanding it having already remained on this roadstead for such a long time since the day that it was so fortunately salvaged from the beach, makes no more than normal water, and until now shows no sign of having any defect: as this also indisputably appears from the latest report of a nautical committee expressly ordered thereto by the Right Honorable Governor, especially from a further separate one given by one of them, namely Captain de Boer, who seems to have taken no small trouble to inspect everything with the most painstaking care: that finally it is very certain that, if the repeatedly mentioned committee council members had not complied with the request of the contractors to bring the repeatedly mentioned little ship the Helena Louisa into afloat water at the then impending high tide, but on the contrary had insisted, according to the opinion of those nautical experts, on heaving that vessel further over, whereby one would have had to let that spring tide pass, it, careened in that situation with the open waist toward the sea side, would very likely have been smashed to pieces by the foul weather that arose the day after it had been brought to the roadstead, and thus become entirely useless to the Honorable Company: while with regard to the proposition to only pay out to the contractors the monies disbursed by them with the conditions attached thereto, the undersigned believe that it flows naturally from the reasoning that, even if the High Commanding Superiors in either case should not be pleased to approve this contract and the payments following thereon, such will by no means serve to any prejudice or damage of those contractors, but will come to the accountability of the Council which made that contract, or rather of those members who concluded for full payment; in addition to all of which the undersigned still judged it necessary to take into consideration that, if such difficulties were placed in the way which kept these contractors in uncertainty about enjoying the prompt satisfaction of that which was promised and agreed to them, one in similar, however

Dutch transcription

maar alleen, dat de aanneemers 't ged: Vaartuig zoodanig zouden moeten omkenteren, dat de Kiel zigt„ baar was: Daaraanwas, volgens het meerm: Rapport der raadsleeden in het bijweezen van een groot aansal aanschouwers voldaan, zijnde niet alleen dat gedeelte en van 't vaartuig, volgens derzelver opgaave ter hoogte van t a 5auimen zigtbaar genoeg geweest, maar had ook den Heere Capitain Rion, gecommandeert hebbende het hier afgelegde Engelsch Konings schip The Guardian en welke de goedheid schijnd te hebben, gehad, die aanneemens in dit werk met zyne Raad en en hulse te adsisteeren, in de teegenwoordigheid dier zeekundige Commissie de gantsche Kiel van onderen met het vlakke zijner Sand naar gegaan en betast, zonder eenig gebrek daaraan te hebben kun„ „nen ontwaaren: Dat zo men al eene Strictere ex„ Ilicatie aan dat articul zoude willen hegten, de observance& daarvan volgens de gegronde aanmer¬ 1 „kingen in dat rapport, nog dan maar alleen zouden konnen werden gevordert, indien zeg eenige gegronden vreeze had oprgedaan, dat eenig gebrek of schaade je„ aan dat gedeelte van 't Vaartuig zoude zyn gekomen, n ten einde als dan 't Schip in die Setuatie te brengen om hetzelve behoorlijk te konnen repareeren, het geen dog bevonden weesende dat het ged: scheepje B geen e geen Lekkage van belang had bekomen, de voorzigtighei meer zoude hebben aangeraaden, op het water na dat gelegenheid zulks op deeze Rheede, of in de Saldanha Baaij aan de hand geven zoude, te effectueeren dan door eene dangereuse kentering op 't Strand, en dezelve zeekundige Commissie over zulks ook veel minder had behoren te veronder stellen dit de Intentie van dat Articul te zijn geweest, om dat volgens raisonne menten van anderen des kundigen daar over gehoude eene zo ver gexousseerde omkentering van een schip van gewoone sterkte op het strand geschiedende bij naar onverantwoordelijk zijn zoude: ofschoon meerm:r Haarneemers op afvraagt der Gecommitteerd geweest zynde Leeden, hebben gedeclareerd, in 't ge „heel geene swarigheid te vinden om dat Scheepje als zijnde geheel van Iatijhout getimmert, en ge merkt, deszelfs buitengewoone Sterke Constructie zelve over zijne Kiel te halen, indien zij in gevolge hunnen eijsch, met de benodigde Touwen uit sE: Com„ Equipagie pakhuizen hadden konnen worden ge„ rievd: Dat door de aanneemers, geadsisteerd met deskundigen, het naauwkeurigst onderzoek is gedaan, naar de gesteldheit van meerged: Kieltje, zelfs nog voor dies omkentering, zo van binnen als buijten, zonder dat aan het zelve iets heeft konnen worden worden ontwaard, waaruit eenige de minste beden„ „kingen zoude konnen geboren worden, dat hetzelve door het Stranden eenig ander ongemak, vooral niet aa aan de Kiel, zoude hebben bekomen, als welk, door die aanneemers bij de omkentering is ontdekt, en ook behoorlijk gerepareerd geworden: Dat dit alles word geconstateerd, dewijl het dikwelsgem. scheepje, niet tegenstaande reeds zo eenen geruimen tijd, 't zedert aen dag, dat zo gelukkig van 't Strand Kil is gered geworden, ter deezer Rheede heeft vertoefd, geen meer dan gewoon water maakt, en tot nog geen blijk zig opdoed van eenig manquement te en hebben: zoo als zulks ook ontegenzeggelijk komt re te blijken, uit het laaste Rapport eener zeekundige Commissie, daartoe extres door den Wel Edele Gestr: Heer Gouverneur gelast, vooral uit een na„ „der afzonderlijk gegeven door een uit dezelve na„ mentlijk den Capitain de Boer, die zig geene geringe moeijte Schijnt te hebben gegeeven, om alles pir met de Soigneuste zorge te inspecteeren: Dat eijnde n „lijk 't zeer zeeker is, dat bij aldien meerm: Gecommitt„s ge„ Raadsleeden niet hadden voldaan aan 't versoek der ge aanneemers, om meerged: Scheepje de Helena Louisa n bij 't toen op handen zijnd hooggetij in vlot water te brengen, maar integendeel gedrongen, om volgens het de het gevoele dier zeekundigen, dien bodem verder over te haal waardoor men dat Spring zoudde hebben moeten laten voorbijgaan, hetzelve in die Situatie met de open Kuil na de Zeekant gekenterd, door de daags, na da op de reede was gebragt geworden, opgekomen guur roeder zeer waarschynlyk aan stukken zoude zijn geslaagen, en dus ten eenemaal onnut voor de E Comp:e geworden: Terwijl met betrekking tot de Propositie om aan die aanneemers alleen aftegeeven de door hun uitgeschoten Penningen met de daaraan geaccrocheerde voorwaar „de, de onderget: vermeenen, dat uit het beredeneerde van zelve voortvloed, dat, wanneer al de Hooggebie„ dende Heeren Superieures in 't een en ander geval, deeze aanbesteding, en de daar op gevolgde betalinge„ niet mogten gelieven te approbeeren, zulks geenzints tot eenige praejudicie of schade zal konnen verstrek„ „ken van die aanneemers, maar ter verantwoording komen vanden Raad, dewelke die aanbesteeding heeft e gedaan, ofte ceel van die Leeden, dewelke tot de volledige betaaling hebben geconcludeert, bij al 't welk de onderget: nog hebben geoordeeld in Consideratie te moeten neemen, dat, wanneer zodanige difficueltijten wierden in de weg gesteld, dewelke deeze aanneemers in de onzeeker heir hielden, om de promipse voldoening te genieten, van het geen aan hun is beloofd en toegeregd: men in zoortgelijke, egter

NL-HaNA_1.04.02_10687_0241 view scan ↗

English

however unforeseen cases, everyone would find themselves deterred from similar undertakings, with which the Honorable Company's interests and advantage are paired, since moreover even already in the present case no other entrepreneurs were seen to appear than those to whom the work was contracted, and which exceptions, according to the opinion of the undersigned, ought the less to have place here, as those contractors in so generous a manner, without aiming at any advantage for themselves, out of true zeal for the service of the Masters, have undertaken this work, merely stipulating for the moneys disbursed by them for that purpose: The undersigned persist in their request that these their motives attached to their protest may be inserted in the resolution of the 15th of the past month. Below stood: Was signed: J: S: Rhenius, J: v: Le Sueur, O: G: de Wet, W: F: v: Reede van Oudtshoorn. In the margin stood: Exhibited 2 July 1790. Agrees Signed: P: H: Faure, 1st Clerk. After a complete comparison has been made, this has been found to agree in all parts with the authentic copy received from the secretariat of policy and resting among our records. Which we witness: P: D: Le Sueur W: F: v Reede van Oudtshoorn. Copy Copy. Since in the last-held meeting, upon the resumption of a resolution regarding the commissioning of the gentlemen Le Sueur and Van Oudtshoorn to the Saldanhabaai, and which had been adopted by a majority of votes, the Right Honorable Lord Governor then, upon a written protest from the gentleman Independent Fiscal van Lynden, was pleased to set aside the said resolution without effect, the undersigned therefore finds himself obliged hereby to protest against such a manner of proceeding, requesting that this may be inserted into the resolution. Was signed: J: S: Rhenius. In the margin: Exhibited in the Council of Policy on 2 July 1790. After a complete comparison has been made, this has been found to agree in all parts with the original copy received from the Secretariat of Policy and resting among our records. Which we witness: J: v: Le Sueur W: F: v Reede van Oudtshoorn. Copy Copy The undersigned, having had to see with the utmost surprise that a resolution, or a proposition brought forward by the Lord Secunde Rhenius, adopted by a majority of votes, and with which after some debates acquiescence was given at the time, has upon its resumption solely on a written advice and protest by one of the fellow members of the Council, the Lord Independent Fiscal van Lynden, been set aside without effect by the Right Honorable Lord Governor, finds himself obliged to protest in the strongest terms against this unusual manner of proceeding of His Right Honorable, requesting that this his protest may be inserted with the resolution of that day, being the 23rd past; while at the same time insisting that there may be delivered to him a copy of the aforementioned advice and protest of the well-mentioned Lord Fiscal van Lynden, in order to make such counter-protest and entry against it as shall be deemed advisable. Was signed: J: v: Le Sueur. In the margin: handed in on 2 July 1790. After a complete comparison has been made, this has been found to agree in all parts with the original copy resting among our records. Which we witness: J: v: Le Sueur W: F: v Reede van Oudtshoorn. Copy Copy. The Right Honorable Lord Governor having thought fit, upon the protest delivered into the meeting of the 23rd of the just past month of June by the Lord Independent Fiscal van Lynden, to hold without effect the resolution adopted in the session of the 15th prior thereto, regarding the commissioning of two members of this Council to inspect the defects that might be discovered on the ship the Helena Louisa at its careening in the Saldanhabaai; or as His Right Honorable is pleased further to declare, to regard the same as not having been adopted formally and legally, the undersigned finds himself obliged, in his capacity as a member of this Council, hereby to protest against such a handling of affairs as diametrically opposed to the ancient and always observed orders of the Lords Masters, and specifically those contained in Their High Mightinesses' dispatch dated 23 July 1711, as also against all consequences that might flow therefrom, reserving to himself, without hindrance thereby, to produce against the aforementioned protest itself, delivered by the Lord Independent Fiscal into the meeting of the 23rd aforesaid, his arguments operating against it by counter-protest, whenever he may be granted a copy of that protest, for which he made a request at the last-mentioned meeting, and which request, since the well-mentioned Lord Governor was pleased to declare thereupon that the same was taken into consideration by His Right Honorable, he takes the liberty hereby also to reiterate. Below stood: Cape of Good Hope, the 2nd of July 1790. Signed: O: G: de Wet. After a complete comparison has been made, this has been found to agree in all parts with the original copy resting among our records. Which we witness: J: v: Le Sueur W: F: v Reede van Oudtshoorn.

Dutch transcription

egter onverhoofdte gevallen, een ijder zoude gerebuteert vin van „den, diergelike ondernemingen, waarmede sE: Compe er belangen voordeel gepaart gaan, daar men boven dien zelfs reeds in 't presente geval geen andere Entrepien neurs heeft zien opdagen als de geene, aan welke het werk is aanbesteed geworden en hoedanige exceptien volgens het gevoelen der onderges: voor alhier, te minder plaats dienden te hebben, daar die aanneemers op zoo eene Generause wijse, zonder eenig voordeel voor zig zelven te beoogen, uit waare zugt voor den dienst der Meesteren, dit werk hebben ondernomen, alleen. lijk bedingende de penningen door hun daartoe uit „geschooten: De ondergetekendens Inhaereren hun verzoek, dat deeze hunne Matives gehegd aan derzelver Protest in de Resolutie van den 15e der gepasseerde maand mogen worden geinsereerd — /onderstond:/ /was geteekend. /. I: S: Rhenius, I v: LeSueur O: G: de Wet, W: F: v: Reede van Oudtshoorn, /. /:terzijde stond:/ Cahibitum 2 Julij 1790 —. Accordeert /geteekend:/ P: H: Taure g Clercq 6 Na gedane perfecte collatie is. deezen deeten met de authentique Copij vande secretarije van politie on„ „fangen en onder ons berustend in allen deelen accordeerende bevonden. — T Welk Wij getuijgen P: D: Le Sueur W„ J: V Reede van Oudtshoorn. „ La 8 Copia Copia. — Vermits in de laatstgehoude Vergadering bij resumptie ner van eene Resolutie: met oprigte tot 't Committeeren van de heeren Lesiceur en Van Oudtshoorn na de Saldanhabaaij, en welke bij meerderheid van Stemmen was genoomen, den Wel Edel Gest=r ren, Heer Gouverneur toen op een schriftelijk protest, eende„ van den heer Independent Fiscaal van Lynden; den dezelve Resolutie heeft gelieven te Stellen bui„ Ki „ten Effect. zo is 't dat den Ondergetekende zig ge„ noodzaakt vind mits deezen jeegens zodanige hansa en „delwyze te Protesteeren, verzoekende dat dit in de Resolutie mooge werden g'insereert: /:was geteekend:/ I: P J: Khenius /:In margine/ p Exhibitum in Raade van Politie den 2 Julij 1790. Na gedane perfecte collatie is origineele deezen met de ahentique copije van de Secretarije van Politieante¬ fangen en onder ons berustende Ur in allen delen accordeerende bevonden. T Welk Wij getuijgen. J: V: Se Sueur Wij f de oede van Oudteshoorn. — L„a W Copia Copia De onderget: met de uiterste Surprise heb„ bende moeten zien, dat eene Resolutie of een propositie door den Heere Secunde Schenius voortgebragt bij meerderheid van Stemmen genomen, en waarby na eenige dexbatten toen tertijd is berust geworden bij dies resumptie alleen op een Schriftelijk advys en ƒ Protest door een der meedeleeden des Raads, den Heere Independent fiscaal van Linden door den Wel Edelen Gestr: Heere Gouverneur is gesteld buiten effect zoo vind dezelve zig verpligt, tegens deze ongerivone handelwijze van zyn Wel Edele Gestr: ten sterksten te moeten protesteeren met verzoek, dat dit zijn Protest bij de Resolutie van dien dag zinde geweest den 23 pass:o moge worden geensereerd: Terwijl teffens Insteerd, dat aan hem moge voorden afgegeven Copia van opgem: advis,en protest van wel „opgem: Heere Fiscaal van Lynden, ten eynde daartegen, zoodanig Contra protesten aantekening te doen, als geraden vinden, zal /:was get:/ I I: Lesueur /:In margine :/ overgegeven den 2 July 1790, Na gedane perfecte scollatie is dee„ originele „zen met de ^ copije onder ons berur„e „tende in allen deelen accordee¬ „rende bevonden T Welk wij getuijgen. J: D. P Sueur Do H Reede van Oudteshoorn ou „ Copia Copia. L„a A. Den Wel Edele Gestrenge Heer Gouverneur goedgedagt hebbende, op het ter vergaderinge van den y 23=en der even afgeweekene maand Iulij door den d Heere Independent Fiscaal van Lynden ingelee„ hou a e verd protest, de resolutie ter Sessie van den 15e nen, daar bevorens, nopens het Committeeren van twee bende„ Leeden deezes Raads tot het berigtigen der gebreeken die aan Het schip de Helena Louisa by dies kieling in de Saldanhabaaij, mogten worden ontrekt genomen, te houden buiten effect; ofte zo als zijn Wel Edele Gest:r zig nader gelieft te declareeren dezelve aante merken als niet formeel en legaal genomen, vind den onderget: zig verpligt, in qua„ liteit als Led deeses Raads, teegens eene zodanige behandeling van zaaken, als dixametraal strijdig met de aloude en altoos in observantie gebleevene ordres der Heeren Meesteren, en wel Speciaal de den geene die zig vervat vind bij Hoogst derselver aan„ schryvens van dato 23e Julij 1711:, bij deezen te moeten protesteeren, gelijk meede tegens alle gevolgen die daaruit zouden mogen voortvloeen, zig zulks onverhindert voorbehoudende om tegens het voorm door den Heer Jndependent Fiscaal ter Vergadering van den 23 voorm: ingeleeverd protest zelve, zijne daartegen opereerende Sustenuen bij contra 3 Siotest 3 Protest te Produceeren, zo wanneer hem zal mogen geroorden Copia van dat protest, waartoe hij ter laastgem: Vergaderinge verzoek heeft gedaan, en welk verzoek vermits wel opgem: heer Gouvern daarop heeft gelieven te declareeren dat het zelve bij zijn Wel Edele Gest:r weerd genoomen in berad er de Vryhyd neemt bij deesen meede te reciteeren /onderstond:/ Cabo de Goede Hoop den 2:e Iulij 1790 — /geteekend:/ C: G: de Wet le Na gedane perfecte Collatie is oviginele deezen met de Copije onder ons berustende in allen deelen ac¬ „cordeerende bevonden. — T Welk Wij getuijgen J: V: Se Sueur eede van Oudtshoorn. W 8 ƒ zyner ho v nen, de morest gen— rn. — 181 „ ude,

NL-HaNA_1.04.02_10687_0257 view scan ↗

English

Letter 4 Copy Copy. The undersigned, having had to travel to the village of Stellenbosch due to the sudden death of his lady mother, and thus being unable to attend the last-held Council Meeting, having learned upon his return to the Cape that the Resolution taken by the majority on 15 June 1790—regarding the sending of a Member of the Council to Saldanha Bay to be present at the careening of the brigantine vessel the Helena Louisa, in order to report to the Council on any defects that might unexpectedly be further discovered on that vessel—was, upon its resumption, even though the Members persisted in their decision, rendered ineffective by the Right Honorable Lord Governor upon a single protest of the Lord Fiscal van Lynden. Finds himself compelled to protest in the most solemn manner against this unprecedented conduct of the aforementioned Lord Governor, as well as against the consequences thereof, reserving to himself the right in due time to make such representations and complaints to the Lords Principals in the Fatherland as he, on account of the gravity of the matters, shall see fit in due course, requesting in the meantime that this his Protest Protest may be inserted into the Resolution of today, in such manner and form as has heretofore always been customary. underneath stood: was signed: W: C: van Reede van Oudtshoorn in the margin: delivered in Council on 2 July 1798. Agrees signed: P: H: Faure Clerk After a complete collation was made, this was found to agree in all parts with the authentic copy received from the Secretary of Policy and resting in our possession. Pieter van Reede van Oudtshoorn. To which We testify. P: V: Le Sueur Lueur received and copy Letter Z Copy. The Lord Governor asks whether the gentlemen desire to have a copy of the protest of the Lord van Lynden, etc. Messrs. de Wet and van Reede Yes, etc. Read a Protest of Messrs. Rhenius, Le Sueur, de Wet, and van Oudtshoorn against the suspension of the deliberations on the report of Messrs. Le Sueur and Van Oudtshoorn, submitted on 15 June last concerning the refloating of the ship the Helena Louisa, etc. Regarding that of the Lord van Reede van Oudtshoorn, the Lord Governor declares that the Members of the Council are not permitted to write separately to the Lords Masters, wherefore His Honor insists that the Lord van Reede please omit that passage, because this is permitted solely by Instruction to His Honor and the Independent Fiscal, and therefore not to the other Members; the Lord van Reede answered thereto that His Honor would comply with that whenever His Honor was shown the order by which such is forbidden, etc. Petition of Mr. Coomans, etc. Extract from the Minutes held in the Meeting of Policy In the Castle of Good Hope the 2nd of July 1790 The The Lord van Reede is against it, and protests against the removal of Captain Lieutenant Bruggeman from the Brig, with the reservation to state the reasons thereof in further detail in due time, etc. Memorial of the contractors for the hauling off of the Helena Louisa - and Report of Messrs. Le Sueur and van Reede in that regard brought into further deliberation, etc. Mr. de Wet persists in that which His Honor has said, that the contractors must be paid, and further refers himself to the written Protest. Mr. Van Reede likewise adheres to the same protest and further speaks as Mr. de Wet, etc. underneath stood. Agrees signed: E. van Herzeele, Secretary After a complete collation was made, this was found to agree in all parts with the extract minutes resting in our possession. To which We testify. J: V: Le Sueur Reede van Oudtshoorn. Copy Copy. Pursuant to the promise made to me this morning, Your Honor will please have the goodness to reply in writing to the following query points, namely: Firstly Whether Your Honor on 1 July 1790, by order of the Right Honorable Lord Governor, did not put the question to the respective Lords Council Members whether to transfer the Captain Lieutenant assigned to the Permanent Brig the Helena Louisa, and then exercising command thereon, to the ship the Pollux. — Secondly Whether the undersigned did not answer thereto that he would never give his consent to this, and would protest against it if the majority were in favor of it. — Thirdly That, whereas the undersigned was convinced that the richly laden ship the Pollux could by no means be left without the watch of entrusted Officers, especially not in this winter season in this Roadstead, whether the undersigned did not have Your Honor propose to the Right Honorable Lord Governor, instead of placing the Captain Lieutenant of the Brig upon it, the Lieutenant of the packet boat the Haas, which is to remain provisionally attached to this Government, Mr. Faure. Cape of Good Hope, the 10th of July 1790. Letter A. A. and and the second Lieutenant of the return ship The Meeuw, which both Officers Captain van Straalen judged skilled enough to fill the posts of Captain Lieutenant and Lieutenant on his vessel; Fourthly Whether, if this did not take place, the undersigned did not say that he would then protest against all the damage and adverse consequences arising therefrom that might befall the aforementioned ship the Pollux thereby — I trust that Your Honor, upon the Oath taken upon assuming your Post, and furthermore as an honest man, will answer me hereupon, and I remain in expectation of such. underneath stood Your Honor's servant was signed: W: F: van Reede van Oudtshoorn —. After a complete collation was made, this was found to agree in all parts with the original copy resting in our possession. To which We testify W: C: van Reede van Oudtshoorn P: Le Sueur

Dutch transcription

Lo 4/ Copia Copia. ka De ondergeteekende door het Saibet overlyden zyner Vrouwe moeder ten Dorpe Sellenbosch zig derwaards hebbende moeten begeeven, en alzoo de Laastgehoude, „one Vergadering niet hebbende kunnen bywoonen, bij zijne terugkomst aan de Caab vernomen hebbende, dat de door de meerderheid genomen Resolutie op den 15 Iunij 1790: - met betrekking tot het zenden van een Lib des raads naar de Saldanhabaaij om byj het Kie„ len van het Brigantijn Scheepje de Helena Louisa praesent te zijn, ten einde van de gebreeken, die men onverhooft nader aan dat vaartuig zoude komen te ontdekken den raade verslag te doen, bij dies re„ samptie, Schoon de Leeden bij hijn besluijt waren bey„ ven persisteeren door den Wel Edele Gestr Heer Gouverneur op een enkeld protest (des Heeren fis= „caals van Lijnden buijten effect gesteld is geworden. vend zig genecessiteerd teegen deese onvoorbeelde= „lyke handelwijze van opgem: Heere Gouverneur mitsgaders tegen de gevolgen van dien bij deesen op de Plegtigste wijze te protesteeren, aan zig ge„ reserveerd houdende in der tijd hierover zodanige repraesentatien en doleantien aan de Heeren Majores in 't Patria te doen, als hij uit hoofde van het gewigtigt der zaaken in der tyd te raaden worden zal, versoekende in middels dat dit zijn Protest Protest mag worden geinsereerd in de Resolutie van heeden, zoo en in diervoegen als zulks voorheen altoos gebruikelijk is geweest. /onderstond:/ /was geteekend:/ W: C: van Reede van Oudtshoorn /in margine :/ overgegeeven in Rade den 2 Julij 1798. Accordeert /geteekend:/ P: H: Faure GCeercq e Na gedane perfecte collatie is authentique van de secret„s van politie ontfangen deezen met de ^ Copije onder on berustende in allen deelen accor„ „deerende bevonden. P„t f: Reede van Oudtishoorn. T' Welk Wij getuijgen. P: V: Le Sieur Lueur e ontfangen en, tie een van is s Cor„ gen. .— L„a Z Copia. Den Heere Gouverneur vraagt, of de Heeren Copie begeeren te hebben van 't protest van de Heer van Lenden &a. De Heeren de Wet en van Reede Ia, etc: Is Geleesen een Protest van de Heeren Rhenius Lessiceur; de Wet en van Oudtshoorn, tegen Het surcheeren van de deliberatien op t rapport van de Heeren Le Sueur en Van Oudtshoorn, op den 15 Iuny laaste over het in Vlotwaterbrengen van t Schip de Helena Louisa ingediend &=r Hene van den Heer van Reede van oudts„ hoorn, de Heer Gouverneur Declareerd, dat de Leeden des raads niet appart mogen schrijven aan de Heeren Meesteren, waaromme zijn Edele insteerd dat de Heer van Reede die Passage er uit gelieft te laaten, om dat dit alleen be Instructie aan zijn Ed: en den Independent Fiscaal is toegelaaten, en dus niet aan de andere Leeden; de Heer van Reede heeft daarop geantwoord, dat zyn Ed. daar aan zoude voldoen wanneer zijn Ed: de ordre, waarbij zulx Verboden wordt vertoond wierd & Request van de Heer Coomans &a: Extract uit de Notulen gehouden in Vergadering van Politie In 't Casteel de Goede Hoop den 2e. Julij 1790 De De Heer van Reede is er tegen, en protesteerd tegen het afneemen van den Cap:n Licut Bruggeman van de Brik, onder reserve om daarvan de reedenen in der tyd nader op te geeven &a Memorie van de aanneemers tot het afwinden van de Helena Louisa - en Rapport van de Heeren Lesueur en van Reede dieswegens in nadere deliberatie gebracht &=a de Heer de Wet persisteerd bij het geene zyn Ed: gezegd heeft, dat de aanneemers moeten betaald worden, en refereert zig voorts aan 't Schriftelijk Protest De Heer Van Reede houdt zig insgelijks aan het zelve protest en zegt voorts als de Heer de Wet &a. /onderstond./ Accordeert /geteekend/ E van Herssenseet=s Na gedane perfecte collatie is notulen deezen met de Extract ^ onder ons berustende in allen deelen ac¬ „cordeerende bevonden. — T' Welk Wij getuijgen. J: V: Cesueur Reede van Oudtshoorn. Nij Sue en - Copia Copiee. In gevolge belofte mij heden ogtens gedaan zal UwelEd wel de goedheid gelieven te hebben schriftelijk te antwoor den op de navolgende Vraagpoincten, als J stelyk P=res of UWelEd op den 1 Julij 1790. op ordre van den WelEd Gest: Heer Gouverneur aan de respe Heeren Raadsleeden niet in omvraag hebt gebragt, om den Capit=n Lieutinash op de Permanente Brik de Helena Louisa bescheyden, en daarop als toen het gezag voerende, op het Schip de Sollux te doen overgaan. - Ten fe 2=e of de onderget. daarop niet geantwoord heeft gehad daartoe nimmer zijn Consent te zullen geven, en daartegen Protesteeren zoude, wanneer de meerderheid daar voor was. — Ten 3„e dat daar de onderget:s overtuigt was, dat het ryk ge„ ladene Schip de Pollux geenzints zonder de wagt toebetrouwde Officieren, vooral niet in dit winter„ Saisoen ter deezer Rheede konde gelaten worden, of den onderget: den Wel Ed: Gest=r Heer Gouverneur door UWel Edele niet heeft laaten voorstellen, instede van den Capitain Lieutenant van de Brik daar op te plaat „sen den Lieutenant van de aan dit Gouvernement pro „visioneel moetende verblijven Pacquetboot de Har Mijn Heer Faure. Cabo de Goede Hoop den 10. e Iulij 1790. L„a A. A en en den sous Lieutenant van het retour schip T Meeuw welke beyde Officieren den Capitain van Straalen kundig genoeg oordeelde de posten van Capitain Le tenant en Lieutenant op zynen bodem te bekleeden, Ten 4:o of dit niet geschiedende de onderget. s niet heeft gesi als dan te zullen protesteeren tegen alle de Schade en daaruit te ontstaanene nadelige gevolgen, die het voor schip de Pollux door zulx mogte overkomen — Ik vertrouw, dat UWel Edelen op den Eed by de aanvaarding van Uw Post gedaan, en behalven da mij als een eerlijk man hierop zult antwoorden en blijv ik in Verwagting van zulks /onderstond/ UWel EdW: dienaar /:was geteekend/ W: J: van Heesd van Oudtshoorn —. Na gedaane perfecte collatie is deeten met de origineele copije onder ons berustende in allen deel accordeerende bevonden. T Welk Wij getuijgen W„: : V Deede Van Oudteshoorn o P: Pesueur 5 G

NL-HaNA_1.04.02_10687_0269 view scan ↗

English

Copy L. B. B. I, the undersigned, certify at the request of the Senior Merchant and Dispenser, as well as Member of the Council of Policy of this Government, Mr. William Ferdinand van Reede van Oudtshoorn, that, His Honour having been requested to be present at a certain further discussion to be held between His Honour and the sworn Clerk of the Policy Secretariat, Pieter Hendrik Faure, concerning an oral advice given by the said His Honour upon a certain proposition brought into consultation by him, Faure, by order of the Honourable, the Valiant Lord Governor, to the respective Members of the Council, to remove the Captain Lieutenant from the salvaged little vessel the Helena Louisa in order to place him as such upon the aforesaid ship the Pollux; but which advice the said Faure had not conveyed to the said Lord Governor in the manner as the aforesaid Mr. van Reede van Oudtshoorn had instructed him; the said Faure, in the presence of the undersigned, came to testify that he was inclined to give Mr. van Reede van Oudtshoorn a written declaration in response to the letter received from him, the questions contained in which he further testified to have been the oral advice of the aforementioned Mr. van Oudtshoorn, but that he had been forbidden by the aforementioned Lord Governor to comply with His Honour's wishes in this regard; while the undersigned, if his memory does not fail him, believes he recalls that, when the aforementioned proposition was brought to the table in the Meeting of 2 July, the said Mr. van Oudtshoorn persisted in his advice given during the consultation, namely to place two officers, the one from the saic-boat de Aar and the other from 't Meeuwtje, on the Pollux, having strongly protested against the transfer of the Captain Lieutenant of the Helena Louisa; just as the undersigned also, at a further consultation a few days later to place those same two named officers on the aforementioned ship the Pollux, expressed his great astonishment to the Clerk who brought the consultation to him, that precisely the persons who had previously been proposed by Mr. van Oudtshoorn but declined, were now being proposed once again. below stood Cape of Good Hope, 2 August 1790. was signed S: P: Lesueur After a perfect collation was made, this was found to agree in all parts with its original resting among our records. Which we testify. J: J: Le Sueur W: F: van Reede van Oudtshoorn. Clerk Copy of a Copy. La C. C. The undersigned, having protested in the last held Meeting of 2 July 1790 against the removal of Captain Lieutenant Bruggeman from the brig the Helena Louisa, and consequently not having been able to approve the appointment of the Lieutenant of the Land Forces, Comans, as Commander of the same, under the reservation of stating the reasons for this in more detail in due course, now making use thereof, declares the same to be the following, namely: Firstly, because the shortage of officers on the ship the Pollux, upon which the aforesaid Bruggeman has been placed, could very easily have been supplied by appointing thereto the Lieutenant of the saic-boat de Aar, which is to remain with this Government, as well as the Sub-Lieutenant of the ship 't Meeuwtje, who were judged capable enough by Captain van Straaten to fill the posts of Captain Lieutenant and Lieutenant on his vessel, while then provisionally a cadet, or other capable persons enough present here, could have been promoted to Sub-Lieutenant on 't Meeuwtje, which arrangement the undersigned all the more preferred, on the grounds that if Captain Lieutenant Bruggeman is taken from the brig, that vessel is left to a single sub-lieutenant, whereas if the Lieutenant of de Aar and the Sub-Lieutenant of 't Meeuwtje were transferred to the ship the Pollux, there would still always remain on that vessel two officers entrusted with the watch out of the full complement. Secondly, because upon the report of the Maritime Commission, directly contrary to that submitted in Council by the undersigned and Mr. Lesueur, no payment was made to the contractors who refloated the little vessel the Helena Louisa, and he, Bruggeman, having examined the defects incurred by that small keel through its stranding together with the undersigned and found them to be such as were stated by the undersigned in his report submitted with the aforesaid Mr. Lesueur, the said Bruggeman, in addition, had held himself accountable to the undersigned for all further defects that might befall the brig apart from storm and bad weather, which can now no longer be fulfilled by the same; the undersigned protests once again in the most solemn manner against the damages that might befall the ship during the voyage to Saldanha Bay or during its careening there, with the declaration that, of whatever nature the reports to be received

Dutch transcription

Copia L„ B. B. pertificeere ik onder get: ter requisitie van den Opper„ Koopman en Dispencier, mitsg=s Lid in den Politiquen Raad deses Gouvernements, den Heer William Ferdinand van Reede van Oudtshoorn, dat, daar zijn Ed. verzogt geworden zynde, om tegens„ woordig te zijn, bij zeeker nader gesprek te houden tusschen zijn Ed: en den gezw Clercq ter Politicque Secre„ tarije Pieter Hendrik Saure, over eene door wel gem: zyn Ed: gegeven emondeling advijs op zeekere door hem Saure ter ordre van den Wel Edelen Gestr Heeren Gouverneur aande respe. Leeden des Raads in omvrage gebragte propositie om den Capitain Lieutenant van het gered Scheepje de Helena Louisa daarvan af te neemen, om als zodanig te plaatsen op het rev=n schip de Pollux, dog welk advijs gem: Faure niet op die wijze als meer welgeme: Heere van Heede van Oudtshoorn hem in mandatis had gegeven, aan welgem: Heere Gouverneur had overgebragt: op gem: Faure in beweezen van den onderget: heeft komen te betuigen, dat genegen was hem heere van Reede van Oudtshoorn op zijn van hem ontfangene mis sive, de vraagen by welke vervat, hij wyders kwam te betuigen 't mondeling advys van opgem: Heere van Oudtshoorn te zyn geweest, een declaratoir te geven, dog dat door voorm: Heere Gouverneur was verbooden zyn zyn Ed daaromtrent te wille te zijn; Terwyl de onderget: zoo hem zijn geheugen niet bedrigt, meend zig te kunnen rapelleeren, dat, wanneer voorn: Dropositie in de Vergadering van den 2=e Julij ter Tafel wierd ge bragt, gem. Heere van Oudtshoorn bij zijne op de omvraage gegeven advijs heeft gepersisteerd, te weeten om twee Officiers, de eene van de Saiquet Boot de Aar ende ander van t Meeuwtje te plaatsen op de Pollux, wel zeer hebbende geprotesteerd sege de verplaatzing van den Capitain Lieutenant van de Helena Louis a: gelijk oak de onderget: by eene nadere omvraage wijnige dagen daarna, om diezelv de twee genoemde Officieren op voorn. Schip de Sollux te plaatzen, zijne groote verwondering aan den Cleriq welke de omvraage aan hem overbragt, heeft betoond, dat juist de Perzoonen dewelke door den Heer van Oudtshoorn voorheen waaren voorgeslaagen dog gedeclineerd, nu wederom wier den geproponeerd. /onderstond Kaap de Goede Hoop den 2 Aug=s 1790. /was geteekend/ S: P:esueur— Na gedane perfecte collatie is deeten met zijn origineel onde ons berustende in allen deelen accordeeren accordeerende bevonden. — T Welk Wij getuijgen. J: J: Se Sueur W eede Van Oudteshoorn. Tler Copia Copiee. La C. C. De ondergeteekende in de laast gehoudene Ver„ gadering van den 2. ' Iulij 1790. geprotesteerd hebbende gehad, tegens het afneemen van den Capit=n Lieutenant Bruggeman van de Brik de Helena Louisa„ en daardoor niet hebbende kunnen goedkeuren de aan „stelling van den Lieutenant bij het Land, Comans tot Gezaghebber op dezelve, onder reserve de reedenen van zulx nader in der tyd te zullen opgeeven, thans daarvan gebruik makende, zegt nu dezelve te weezen de volgende als- Eerstelijk om dat het gebrek aan Officieren op het schip de Sollux waarop voorsz: Bruggeman is geplaatst, zeer gemakkelijk konde werden gesuppleerd, met daar op te stellen den Lieutenant vande aan dit Gouver„ „nement moetende verblijven Saiquet boot de Har, mitsg„s den Sous Lieutenant van het schip t Neeuwje die door den Capitain van Straaten kundig genoeg geoordeelt, wierden, de Posten van Capitain Leeutenent en Lieutenant op zijn Bodem te bekleeden, terwyl als dan Provisioneel tot Sous Lieutenant op 't Meeuw „je zouden kunnen werden bevordert, 't zy een Cadek, dan wel andere daartoe kundige Persoone genoeg alhier aanhanden, welke Schicking de onder„ „geteekende deste meer heeft geprefereerd, uit Hoofden den Capitain Lieutenant Bruggeman van de G Brik Beik genomen wordende dat vaartuig aan een enkelde sou Lieutenant roierd overgelaten, daar de Lieutenant van de Har en den Sous Lieutenant van t Meeuwtje tot het Schip de Pollux overgaande op dien Bodem dan nog altoos twee vanwel het Compleet getal de wagt toe vertrouwde Off ceeren overig bleef. Ten anderen om dat op het rapport der Zeekundige Commiss regtstreeks Strijdig met die van de onderget: ende Heer Lesueur in rade overgegeeven, geen betaling aan de a„ de aanneemers van het in Vlot waterbrengen van het Scheepje de Helena Louisa is gedaan, en hij Brugge„ man de defecten aan dat Kieltje door dies Stranding bekomen met de ondergeteeck: g'Examineert en zodanig bevonden hebbende, als door de ondergeteek: in zijn be „rigt met voors: Heere Lessueur ingeleevert opgegee„ ven zijn geworden, gem: Bruggeman, zig boven dien„ aan de onderget: verantwoordelijk had gesteld, voor alle verdere gebreeken, die de Brik buijten toedoen van Storm en onweder mogte overkomen, waaraan door dezelve nu niet hebbende kunnen werden vol„ daan, Protesteert de onderget: andermaal op de plegtigste wijze tegens de Schaden, die het Schip geduurende de reyze naar de Saldanhabaaij dan wel bij deszelfs kieling aldaar mogte overkomen, met betuiging, dat van wat aart ook de intekomene Rapporten

NL-HaNA_1.04.02_10687_0275 view scan ↗

English

reports regarding the condition of that vessel might be, which would in the least contradict the submitted report also signed by the undersigned, he—because he was prevented, by the Right Honorable Lord Governor's setting aside of the Resolution adopted by the majority on the 15th of June last, from taking a legally ocular inspection of the further defects that may have occurred to that small ship—will and may place no faith therein. While the motive why the undersigned could not be satisfied with the appointment of Mr. Comans has been this, because according to express Order of the Lords Majores, as appears from Extract of the Patriotic Missive to the High Indian Government dated 23 Novb:r 1785, and ditto Batavian Resolution of 10 July 1786, no military officers nor passengers may be engaged in service on the Company's vessels; and although that Gentleman has offered to bring the vessel to Europe without claiming the least wage or premium therefor, this advantage cannot be considered as a pure gain for the Honorable Company, seeing that on the other hand the transport and board are not paid by him, from which he otherwise could not have been excused, as well as that of his wife, which very likely, upon favorable representation of this Government, will be left deferred to the High Commanding Lords Masters. below stood: was signed: W: F: v: Reede van Oudtshoorn In the margin: submitted the 8 July 1790 Agrees signed: P: H: Faure sworn Clerk After perfect collation having been made, this has been found to agree in all parts with the authentic copy received from the Secretariat of Policy and resting with us. Which We attest. J: J: Le Sueur W: F: v: Reede van Oudtshoorn. Copy of a Copy. To the Right Honorable Lord Governor and Honorable Lords Councilors of Policy of this Government Right Honorable Lord! and Honorable Lords! The undersigned Secretary of this Council finds himself placed under the unpleasant necessity of most respectfully representing to Your Right Honorable and Honorable Sirs: That when the undersigned had presented for signature to Your Right Honorable and Honorable Sirs the general report of affairs drafted by him to the High Commanding Lords Seventeen, the Lords Lesueur and Van Reede van Oudtshoorn objected thereto and did not sign that letter, giving as reason therefor, as the Clerk who was charged with this commission wrote down verbatim from the mouth of those Lords: Letter D. D. having given any reasons for such suspicions, has resolved to bring these his grievances to the knowledge of Your Right Honorable and Honorable Sirs, with humble request that it may please the same to provide herein in such manner as may serve to preserve the honor and good name of the undersigned and to protect him, for now and in the future, from all suspicions that could be formed herefrom against his integrity in his capacity as Secretary of this Council. Doing which / was signed: C van Aerssen Agrees signed: P: H: Faure Sworn Clerk After perfect collation having been made, this has been found to agree in all parts with the authentic copy received from the Secretariat of Policy and resting with us. Which We attest J: J: Lesueur W: F: v: Reede van Oudtshoorn Copy of a Copy. I, the undersigned Lambertus Philippus van den Poel, ordinary clerk at the Secretariat of Policy, declare at the requisition of the Merchant and Secretary of the Honorable Council of Policy, Mr. Cornelis van Aerssen, how true it is that on Wednesday the 15th of this month I proceeded to the dwelling house of the Senior Merchants, Members of the said Honorable Political Council, the Honorable Lords William Ferdind van Reede van Oudtshoorn and Mr. Jacobus Johannes Le Sueur, and had presented to Their Honors for signature the general report of affairs of this Government, whereupon I received verbatim in answer from the first-named: That I cannot sign the General report of affairs, because I would then acknowledge that the affairs regarding the Helena Louisa had occurred in such manner as stated in the said Letter; but request that the Ship the Pollux may not be detained on that account. And from the lord Lesueur: Regarding the general report of the remaining affairs, I actually have no difficulty in signing, but regarding the transaction of the Helena Louisa, that it does not correspond according to my understanding. The above I acknowledge to be the sincere truth, and if such is required I am ready to confirm the same at all times with a solemn Oath. below stood: Cape of Good Hope the 19 July 1790 / signed: L: P: van der Poel Agrees signed: P: H: Faure Sworn Clerk After perfect collation having been made, this has been found to agree in all parts with the authentic copy received from the Secretariat of Policy and resting with us. Which We attest W: F: V Reede van Oudtshoorn: J: J: Lesueur Copy folio 660 Letter E. E. Tuesday the 20 July 1790. After which was presented by the Secretary of this Council Van Aerssen the following Memorial F I. Of which it was understood to place copies into the hands of the Lords Members of this Assembly Lesueur and Van Reede van Oudtshoorn, in order to serve thereon with Report and Interests. Agrees signed: P: H: Faure Sworn Clerk After perfect collation having been made, this has been found to agree in all parts with the Extract Resolution resting with us. W: F: v: Reede van Oudtshoorn. Which We attest J: J: Le Sueur Extract Resolution taken in Council of Policy in the Castle of Good Hope on

Dutch transcription

Rapporten nopens de bevinding van dat Vaartuig mogen zijn, die het ingelevert berigt door de ondergeteek:ed wee„ „de meede onderteekend, in 't minste zoude willen tegen „sreeken; hij uit hoofden hem belet is geworden door het buijten effect stellen bij den Wel Edelen Gestrenge Heer Gouverneur der Resolutie op den 15=en Iunij jongstl: door de meerderheid genomen, op eene legale wijze oculaire inspectie ter memen van de nadere gebree¬ „ken, die dan dat scheepje mogte zyn gekomen, daar aan geen geloof zal kunnen nog mogen slaan— Terwijl de motive waarom de ondergeteek: in de aanstelling van de Heer Comans geen genoegen heeft kunnen neemen, deeze is geweest, om dat volgens uitdrukkelijke Ordre der Heeren Majores, bly„ kens Extract Patriase Missive aan de Hoog Indiase Regeering Sub dato 23 Novb:r 1785; en dito Bataviasche Resolutie van den 10 Julij 1786 geene Lands Officieren nog Passagiers op 's Comp=s Bodem mogen werden in dienstgesteld, en afschoon dien Heer geOffereert heeft gehad het Vaartuig naar Europa te brengen zonder daarvoor te pretendeeren de minste Gagie of Premie, kan dit voordeel niet als eene zuivere wwinst voor d' E Comp„e worden beschouwd, aangezien daarentegen door hem niet word betaald het Transport en Kostgeld waarvan hy 1 hij andersints niet zoude hebben kunnen wezen ge Ed cuseerd, mitsg„s van dat zijner Huysvrouwe, dat zeer apparent op favorabel voordragt deezer Regeering aan de Hoog Gebiedende Heeren Meesteren gede„ fereert gelaaten zal worden /onderstond:/ /:was geteekend:/ W: J: v: Reede van Goudtshoorn /.In margine:/ overgegeeven den 8 Julij 1790 Accordeert /geteek:/ I: H: Faure g Clercq „ Na gedane perfecte collatie is dee zen met de authentique copije van de Secretarije van Politie ont¬ „fangen en onder ons berustende in allen deelen accordeerende bevonden T Welk Wij getuijgen. J:P: Le Sueur W: J eede van Oudteshoorn. Pulr Copia Copiee. Aan den Wel Edele Gestr Heere Gouverneur ende Edele Achtbaaren Heeren Raaden van Politie deezes Gouvernements Wel Edele Gestrengen Heer! en WelEdele Achtbaare Heeren! De ondergeteekende Secretaris deezes Raads windt zich in de onaangenaame noodzakelijkheid ge„ bragt UWel Ed. Gest:r en Ed: Achtb op het eerbie degst te repraesenteeren. Dat wanneer de Ondergetekende aan U Wel Edele Gest=r en Ed: Achtb: het door hem gecoucheerd generaal verslag van zaaken, aan de Hoog Gebiedende Heeren XXI2o. ter teekening heeft laaten Praesenteeren, den Heeren Lesueur en Van Reede van Oudtshoorn daarin hebben gedifficulteerd, en dien Brief niet ge„ teekend, voor reede daarvan geevende, /:gelijk de Clercq die met deeze Commissie is gechargeerd geweest, woordelyjk uit de mond van die Heeren heeft L„a D. D. opgesch. . or n .— „ eenige reedenen tot dergelijke Souxcons te hebben gegeeven, te raade is geworden deeze zijne beswaar„ nissen ter Kennisse van UWel Ed. Gestr en E: Achtb te brengen, met ootmoedig versoek dat het van wel„ derzelver goede gelief te zijn moge, hierinne, zoda¬ „nig te voorzien, als zal kunnen strekken, om des ondergeteekd Een en goede Naam te Conserveeren en hem voor alle Soupcons, die hier uit tegens zyne integriteit, in qualiteit als Secretaris deeses Raads, zouden kunnen worden geformeerd voor nu en 't toekomende te beveyligen — /onderstond/ Twelk doende / was geteek:d/ C van Aerssen Accordeert geteekend:/ P: H: Faure Geclercq Na gedane perfecte collatie is deezen met de authentique Popije van de secretarije van Politie ont„ fangen en onder ons berustende in allen deelen accordeerende bevonden. — T Welk Wij getuijgen S: Mesueur W: : W eede van Sudtishoorn Copia Copiee. — Verklare Ik ondergeteekende Lambertus Philippus van den Poel ordinair bereg ter Secretarije van Politie, ter requisitie van den: Coopman en Secretaris van den E Aehhb raad van Politie de Heer M:r Cornelis van Aerssen, hoe waar is, dat ik mij op Woensdag den 15=e deezer maand vervoegd heb ter woonhuise van de Opperkooplieden, Leeden uit gem: E Achtb: Politique raad, de E Achtb Heeren William Ferdind van Reede van Oudtshoorn en M:r Jacobus Johannes Le Sueur, en aan hun Ed het generaal verslag van zaaken deezes Gouvernements ter teekening gepraesenteerd had, waarop van eerstgem: woordelyk ten antwoord bekomen Feb. Dat ik het Generaal verslag van zaaken niet teekenen kan, uithoofde dat ik als dan zoude advoueeren, dat de zaaken omtrend de Helena Louisa zodanig waaren voorgevallen, als in genoemde Brief vermeld staan; dog versoeke dat het Schip de Pollux daarom niet mag woor den opgehouden En van de heer Lesiceur Over het generaal verslag vande overige zaaken, heb ik eijgentlijk geen zwaarigheid voor om te teekenen, maar omtrend het verhandelde vande Helena Loursa Louisa, dat het niet volgens mijn begrip Overeenkomt. Dit bovenstaande bekenne de Sincere Waarheid te zijn, en indien zulx vereyscht word ben ik beryd het zelve ten allen tyde met Solemneele Eede te Staaven /onderstond:/ Cabo de Goede Hoop den 19 Julij 1790 /:geteekend/ L: J: vander Poel Accordeert /geteekend:/ P: H: Fanre 9 Clercq Na gedane perfecte collatie is deezen met de authentique Copije vande Secretarije Van Politie ontfangen en onder ons berusten„ „de in allen deelen accordeerende bevonden. — TWelk Wij getuijgen WijfE V Reede van Oudteshoorn: S: V: Lesueur S: „ e teekend/ en d n„ litie tuijgen. — hoorn. — Copia fa 660 L„a E. E. Dingsdag den 20 Iulij 1790. - Waarna door den secretaris deeses Raads Van Aerssen wierd gediend van de volgende Memorie F I. Van welke verstaan is, te stellen Copijen in Randen vande Heeren Leeden deeser Vergadering Lesieur en Van reede van Oudtshoorn, omme daarop te dienen van Bericht en Belangen Accordeert /geteekend:/ P: H: Fauze o Clercq ƒ n Na gedane perfecte collatie is deezen met de Extract Resolutie onder ons berus¬ tende in allen deelen accordeerende bevon¬ „den. — Jf h„r Reede van Sudteshoorn. T Welk Wij getuijgen S: V: De Sueur cier Extract Resolutie genomen in Raade van Politie In 't Casteel de Goede Hoop op

NL-HaNA_1.04.02_10687_0287 view scan ↗

English

Letter F, F Copy of Copies. Right Honorable Valiant Sir and Honorable Worshipful Sirs! In the hopeful supposition that certain assertions of the Fiscal, Mr. van Lynden, contained in his Honor's Protest, submitted to the Meeting on the 23rd of June last against a Resolution well and legally adopted by a majority of votes, will contain a hypothetical case rather than a substantive proposition, without which the members against whom it was brought ought to complain most strongly, for the preservation of their honor and reputation, against the hateful insinuations that would otherwise reside therein: the undersigned will now only note his counter-considerations against what is further posited therein, and first remark that it is very surprising that the Fiscal, Mr. van Lijnden, when upon the proposal of the Secunde, Mr. Rhenius, the decision of the majority had fallen to send a Commission from the Council to the Saldanha Bay, and that resolution was thus established, merely rested with declaring his negative sentiments, without having reserved to himself at that time the right to make his protest against it in due time. Mr. van Lijnden further pleases, in the premises of his Protest, to call the majority that concluded to the existence of the aforesaid Resolution a so-called majority: But since the Honorable Governor, having put the Proposal to decree a Commission from the Council to the vote, it was found that four votes were in favor of that Commission, and on the other hand only two votes disapproved of it, it appears to the undersigned that a real majority did indeed take place here, or one would have to be able to show those Members that in one matter they were permitted to vote, and in another again they were not: As far as the necessity of that Commission is concerned, the undersigned recalls that it was sufficiently demonstrated during the proposals and arguments regarding the adoption of that Resolution, and since the undersigned believes he also has reasonable concepts of the dignity of a Council Member, which he will try to preserve in every possible way as long as this shall be permitted to him, he must declare that he cannot see that such a Commission would have inflicted any injury upon it, at least that, if even the slightest benefit of the Honorable Company, even if only indirectly, were connected with any Commission, he would never judge his dignity to be compromised by accepting such a Commission. Without expressing himself on the proposition contained in the first section, the undersigned will only remark upon it that one of the motives for it in the present case would have had no place at all, and thus falls away of itself, because, far from that Commission having caused any expenses to the Honorable Company, the Members designated for it would not only have had to provide themselves with all the necessary Provisions, even shelter on the beach during the time that they would have to stay there, but would even have been under the necessity of hiring a wagon at their own expense, because no such suitable one was to be found in the Company's stable: moreover, it is known that in most other Commissions no expenses of daily allowances or otherwise are ever brought into account. Concerning the 2nd section, namely, that in the adoption of that Resolution no majority would have taken place, the undersigned believes he has sufficiently demonstrated the contrary herebefore, from which it must also follow that even those Members, although having been commissioned to the matter of the stranded vessel the Helena Louisa, cannot be disputed that they could cast their votes, and indeed decisively, on the decreeing of a Commission, Yes or No! and retained that same faculty when the second section of this Proposal came onto the carpet, namely the naming of the person or persons for that Commission, unless one could object that the profit or self-interest of such Member or Members was mixed with it, otherwise one would have to hold for naught various Resolutions of this Board in which the Members had to nominate themselves to this or that Commission: Which truly cannot be otherwise, as long as persons from the bosom of the Council must be chosen for such a Commission. The remarks of Mr. van Lijnde with regard to the form of government in the Fatherland are very correct: and since the undersigned believes that the order of Government in the Colonies of the State is also modeled on that, it is also fitting that the order of Voting in the respective meetings must take place just as there; that every Member must have his free vote, and the majority of Votes

Dutch transcription

L„a F, F Copie Copiaen. WelEdele Gestr Heer en Edele Achtb:e Heeren! Jn de Verhoopte Suppositie, dat eenige adsertien van den Heere Fiscaal van Lynden vervat in zijn Ed Protest, ingeleverd ter Vergadering op den 23 Iunij Iongsl: tegens eene bij meerderheid van stemmen wel en wettig genomen Resolutie, veel eer eene Casuspositie aan eene wezendlijke stelling zal inhouden, zonder welke de leeden, tegens welken dezelve is aangevoerd geworden, ter Conservatie harer eer en reputatie, ten Sterksten zouden behoren te doleren, tegens de haatelijke In„ simulatien die anderzints daar in zouden resideren: zal de ondergets thans alleen zijne tegenberenking en tegens het verder daarin geposeerde noteren, en dan voor„ eerst remarqueeren, dat het zeer te verwonderen is, dat de Heer Fiscaal van Lijnden, wanneer op de propositie van den Heer Secunde Rhenius, het besluit der meerderheid was gevallen; om eene Com„ missie uit den Raad na de Paldanhabaaij te zenden, en die resolutie dus daar was, alleen heeft berust, met zijne negotive gevoelens te declareeren, zonder als toen aan zig te hebben gereserveerd gehouden in der tyd 6 tyd daartegen zijn protest te zullen doen. De Heer van Lijnden, gelievd verder inde premissen van zijn Protest, de meerderheid, dewelke tot het be „staan van voorsch.:e Resolutie hebben geconcludeert noemen, eene zoogenoemde meerderheid: Maar daar den Edele Heer Gouverneur, de Propositie om eene Commissie uit den Raad te decerneeren, in omvraage hebbende gebragt, bevonden wierd, dat er vier Stemme voor die Commissie vaaren, en daar en tegen maar twee stemmen, de zelve afkeurden, komt het den onderg voor, dat hier wel eene owezendlijke meerderheid heeft plaats gehad, of men zoude die Leeden moeten konnen 10 aantonen, dat in de eene zaak al, en in een ander „derom niet vermogten te Stemmen: Wat de noodzaa kelijkheid tot die Commissie betreft, de onderget: her „Innerd zig, dat die bij de Propositieen raisonnementen over het nemen dier Resolutie genoegzaam is aan getoond, en daar de onderget: meend vok redelijke begrif „pen te hebben van de digniteit eens raads Lid, welke on op alle mogelijke wijze, zoo lange hem zulx toegelaten zal worden, zal tragten te Conserveeren, moet hij declareeren, dat niet zien kan, dat zoeanige Com„ missie, daaraan eenige atteinte zoude hebben toe gebragt, ten minsten, dat, zoo er maar het minste nut der E Comp„e als was het maar van ter sijde met met eenige Commissie gemelleerd was, hij met het aanvaarden van zoodanige Commissie nimmer zyne digniteit zoude gecompromitteerd oordeelen. zonder zig uit te laten over de Stelling in het eerste Lid vervat, zal de onderget: daarop alleen re„ „marqueeren, dat een der motives daartoe in het presente geval in 't geheel geen plaads zoude hebben ge„ had, en dus van zelve vervald, dewijl, wel verre dat n die Commissie eenige Onkosten aan dE Comp„e zoude hebben veroorzaakt, de daartoe gedespicieerde Lee„ „den, niet allen zig zouden hebben moeten voorziene van alle de nodige Provisien, zelfs Lyfberging op het strand, geduurende den tid, dat aldaar zoude moe ten vertoeven, maar zelfs in de noodzaakelijkheid zijn geweest, om ter harer Kosten eene Wagen te huuren dewijl geen zodanig bekwaame op 's Comp=s Stal te vinden was: daarenboven weet men, dat in de meeste andere Commissien nimmer eenige onkos„ ten van daggelden als anderzints worden in reeke¬ ning gebragt. Het 2:e: Lid betreffende, te weeten, dat bij het neemen dier Resolutie geen meerderheid zou „de hebben plaats gehad, meend de onderggeteekenden het tegendeel hier voor genoegzaam te hebben behoogd„ waaruit dan ook volgen moet, dat ook die Leeden Schoon ide Schoon Gecommitteerd geweest tot de zaak van t ge„ strand geweest scheepje de Helena Louisa niet kan worden bedisputeerd, dat haare Stemmen, en wel Concluderende konden uitbrengen tot het decerneeren eener Commissie, Ja, ofte neen! en die zelfde faculteit behielden, wanneer het tweede Did deezer Propositie op het Tapijt kwam, namelijk het noemen van den Perzoon of perzoonen tot die Commissi ten waare men konde obceren, dat het voordeel ef ijgen interest van zodanig Lid of Leeden daarmede gemelteerd was, anderzints zoude men verschijde Resolutien deezer Tafel waarin de Leeden zig zelven tot deeze of geene Commissien hebben moeten nome „neeren, voor nut oeten houden: Het welk ook waarlijk niet anders zijn kan, zoolange tot zodanig Commissie perzoonen uit den boezem van den Raad moeten worden gekooren. De remarques van den Heere van Lijnde, met betrekking op de regeringsform in t' Vaderland, is zeer juist: en daar de onderget: vermeend, dat dat „op ook geschoeid is, de ordre van Regeering in de Kolonien van den Staat is het ook gevoegelyk dat de ordre van Votering in de respe. vergaderingen even als daar moet stand grijpen; dat ijder Lid zijne vrije Item moet hebben, ende meerderheid van Stemmen

NL-HaNA_1.04.02_10687_0291 view scan ↗

English

votes form the deliberation into a decision, and thus not everything depends on the head alone. This is most clearly evident not only from the various memoranda left behind for observance by the respective Gentlemen Commissioners concerning this government, but even the successive, highly respected letters of the High-Ruling Lords Masters demonstrate this in various places, where their Honorable Worships give orders, express their utmost displeasure, and indeed impose fines, not upon the chief commander alone, but upon the entire body of the Council, who have also always been held accountable just as much as the chief commander for all proceedings that have originated from their decisions. And it is so far from the case that the Council members should be considered merely as advisory members, and thus attached to the chief commander only as counselors, that, on the contrary, several examples are at hand in which it was taken very amiss of the Council members that they allowed the chief commander to handle matters arbitrarily, as is evident, among other things, from an extract of a letter to the Governor-General and Council by their Honorable Worships dated 9 July 1715 with regard to the Bengal directorates. It is true that at different establishments it is reserved to the chief commanders, in the event of a tie of votes, to cast the deciding vote in favor of the side whose opinion they wish to conform with. And however much the undersigned readily wishes to acknowledge that every sensible member does well to defer to the opinion of a chief commander in indifferent matters or matters of little importance, everyone will easily understand that, if this were applied to all occurring matters, it could have too dangerous consequences. The undersigned reiterates once more that, to avoid further disagreeable discussions, he gladly wishes to maintain the amicable view that everything posited in this 3rd part of the protest of the Fiscal, Mr. van Lynden, must only be considered as hypothetical, and will therefore, solely to rebut his Honor's objection concerning the kinship of the former majority, note that this is truly of little significance. Indeed, the kinship that exists between the Secunde, Mr. Sthenius, and the undersigned is so remote that the undersigned very much doubts whether either of them would know how to trace it. And the Governor will very well be able to recall how many times it has occurred that the undersigned has disagreed in this meeting on various subjects not only with the aforementioned Mr. Sthenius, but even with Mr. De Wet, to whom he is bound by ties of brotherhood-in-law. Moreover, their High Worships, the Gentlemen Superiors, have by no means been of the opinion that kinship in a certain degree could be an obstacle to having a seat and thus also a vote in the Council. At least their highly respected arrangements ordered in that regard in the appointment of the late Mr. Cruywagen as a member in this meeting, although his daughter was married to the aforementioned Secunde, Mr. Sthenius, place this beyond dispute. To what extent matters are or are not the sole responsibility of the Governor, the undersigned confesses not to know; but what is very well known to him is that matters of importance must emanate from and be accounted for not only by the head, but at the same time by the Council, as is commanded by the honored dispatch from the Homeland to the Governor-General and Council of 29 November 1716, in that all orders concerning the arrangements of this colony or the interests of the Company are demanded of the entire Council, and that the non-observance of such orders and the failure to properly observe the presently so necessary frugality and economy in the expenses of this Government are imputed to the entire Council, of which the letters received for some time from the High-Ruling Lords Masters, to the undersigned's greatest sorrow, bear the most vivid proof. Finally, the undersigned by no means doubts that the conclusion which the Fiscal, Mr. van Lynden, draws from his instruction is correct, especially when the same is made applicable to the entire body of the government. The undersigned, persisting in the aforementioned resolution as being fully lawful, regular, and taken according to order, requests that this his counter-annotation may be inserted into today's resolution. Signed: J. B. Lesueur. In the margin: Exhibited 20 July 1790. After a thorough collation, this has been found to agree in all parts with the original copy remaining in our custody. To which we testify. J. Le Sueur Reede van Oudtshoorn. Letter I, I. Copy. Copy. Right Honorable and Respected Sir and Honorable Worshipful Sirs! The undersigned has found himself indispensably obliged to submit his arguments by counter-protest against the protest delivered by the Independent Fiscal at the meeting of 23 June last. Firstly, because he believed that, against the arguments adduced by the Independent Fiscal, he ought to demonstrate the ground and reason for which he judges that the decision cited in the protest should have taken effect and been executed as such, and indeed primarily Secondly, because he could not remain indifferent to being exposed, through the propositions and assertions appearing in that protest, as they must otherwise give much cause for, to being suspected by his Lords Masters of To the Right Honorable and Respected Sir, the Governor, together with the Honorable Worshipful Council of Policy.

Dutch transcription

Stemmen de beraadslaging tot een besluidformeerd: en dus niet alles van 't hoofd alleen afhangd: zoo als zulx ten duidelijksten blijkt, niet alleen uit de verschijden door de resp:e Heeren Commissarissen over dit Gouvernement ter observance nagelaten memorien, omaar zelf de Successive zeer gehonnoreerde Brieven der Hoog„ gebiedende Heeren Meesteren toonen zulx op ver„ schijden Plaatzen aan, alwaar h: h: Achtb:s ordres geven„ hoogst derselver ongenoegen te kennen geven, Ia. muleten op leggen, niet aan den hoofdgebieder alleen, maar aan het gantsche Lichaam van den Raad, de „welken ook altoos zoo wel als den Hoofdgebieder aanspraakelijk zijn gehouden van alle verrigtingen dewelken uit hunne besluiten Soursse hebben genomen: En is het er zoo verre van daan, dat de Raads Leeden alleen als adviseerende Leeden zouden worden geconcidereerd, en dus alleen als raadsluiden den Hoofd gebieder toegevoegd, dat in teegendeel verschy „den voorbeelden aanhanden zijn, waarin den raads „Leeden wel zeer Kwalijk is genomen, dat den Hoofd gebieder naar willekeur de zaaken hebben laten behandelen, zoo als onder anderen evidet is, uit een Extract Missive aan Generaal en Raaden door H: H: Achtb de dato 9 Iulij 1715 met betrekking tot de Bengaalse directien: Wel is op differente Etabl: E 8 Erablissementen den Hoofdgebiederen voorbehouden, om bij het Staeken der Htemmen, met haare Item de Con„ clusie te brengen tot die Seide, met welker gevoelens zig gelievd te Conformeeren: En hoe zeer de ondergetz gaarne wil avoueeren, dat elk gesenseerd Lid wel doed„ te defereren aan het gevoele eens Hoofdgebieder in on„ „verschillige of zaaken aaan wijnig aanbelang zal yder ligtelijk begrijpen, dat, dit op alle voorkomende zaeken toepasselijk gemaakt van te gevaarelijke gevolgen zoude konnen zijn: De ondergeteekende herhaald nogmaals, dat ter vermijdinge van verdere onaangenaeme discussien, gaarne wil blijven in het vriendelijk gevoele dat al het geposeerde in dit 3„e deel van het protest van den Heer Fiscaal van Lijnden, alleen moet worden geconsidereert als, in gevalle het zoo waere, en zal daarom alleen ter en erveering van de bedenkinge van zyn Ed: omtrent de namaagschap der geweest zijnde meerderheid, noteeren dat die waarlijk van wynig beduidenis is: die dog wel ke subsisteerd tusschen den Heere Secunde Thenius en den ondergeteeke is zoo verre te zoeken, dat de ondergeteek=d zeer twyfeld, of een van byden wel zoud weeten waarvan dezelve afteleyden: en zal den heere Gouverneur zig zeer wel konnen rappelleeren, hoe menigwerf het is gebeurd, dat de onderget: niet alleen alleen met welgem: Heere Sthenius, maar zelfs ook met den Heere De Wet aan wien door de banden van Zieuagerschap verbonden is, over deeze en geene voor „werpen in deeze Vergadering heeft gediscrepeert: Trouwens hunne Hoog: Achtbaarens de Heeren Superieuren zijn geenzints van Oordeel geweest, dat namaegschap in zeeke graade een obstacul zou„ de konnen zijn, om ymand Sessie en dus ook stem in den Raad te doen hebben: ten minsten de zeer ge„ Eerbiedigde Schikkingen van Hoogstdezelver daar omtrent geordonneert in de aanstelling van wijlen den Heer Cruywagen tot Lio in deeze Vergadering schoon deszelfs dogter aan Wel op gem Heer Secunde Ahenius gehuuwd was, steld dit buiten disput; Inhoeverre de zaaken, al of niet alleen ter verantwoordinge van den Heere Gouverneur zijn, bekend de ondergeteekende niet te ceeten: maar het geen hem zeer wel bekend is, Is dat zaaken van aanbelang niet alleen van het hoofd maar tegelijk van den Raad moeten afkomen en ver „antwoord worden, zoo als dit word gelast bij Patri= geEerd Aanschrijven aan Generaal en Raaden van 29 Nov=br 1716. dat alle ordres, de beschikkingen de „zer Kolonie, ofte de belangens der Maatschappije raakende aan den gantschen Raad worden gedeman deert, dat over de non observance van zodanige ordres ƒ ordres, de niet behoorlijke behartiging der thans zoo nodige Spaarzaamheid en zuinigheid in de onkosten van dit Gouvernement aan den gantschen Raad worden geImpu „teerd, waarvan de 't zeedert eenigen tyd ontfangen Mij„ „sives der Hooggebiedende Heeren Meesteren, tot des onderget: grootste Smerte, de Levendigste bewysen draagen. Yndelijk twijfeld de onderget: geenzints of de con„ lisquentie, welke de Heer fiscaal van Lynden uit deszelfs instructie trekt, is te regt, vooral, wanneer zegering dezelve op het gantsche Lichaam der raderg word applicabel gemaakt De onderget: blyvende persisteeren bij voorm: Resolutie, als wel wettig, regulier, en volgens de ordre genomen, verzoekt dat deeze zyne Contra aan„ teekening in de Resolutie van heeden moge wor„ den geInsereerd. /:was geteekend:/ I: B: Lesiieur /:In margine:/ Exhibitum 20=e Julij 1790. Na gedane perfecte collatie is deeten met de origineele Copije onder ons berustende in allen deelen accordeerende bevonden Twelk Wij getuijgen. S J: Re Sucur Reede Van Oudtishoorn. N: 4 L„a I, I. Copia Copia. WeEdele Gestrenge Heer en Edele Achtbare Heeren! Den ondergeteekende heeft zig indispensabel verpligt gevonden, om tegens het door den Heer Independent Fiscaal ter Vergadering van den 23 Iunij I:o b: over geleeverd Protest zijne Sustenuen bij Contra protest voor te stellen. Eerstelyk om dat hij meende tegen de door den heer Independent Fiscaal, bijgebragte argumenten te moe„ „ten aantonen de grond en reeden om welke hij oordeelt dat het besluit bij het protest aangehaald, als zodanig had behoorin stand te grijpen en te worden g'executeerd, en wel voornamentlyk Ten anderen, om dat hij niet onverschillig konde zijn van door de Positien en affertien indat protest voorkomende, gelijk dezelve daartoe anders veel aan„ leiding moeten geven, zig blootgesteld te vinden om bij zyne Heeren Meesteren verdagt te worden van Aan den Wel Edelen Gestr Heer Gouverneur, beneevens den Edele Achtbare Rade van Politie onbet: - rn.

NL-HaNA_1.04.02_10687_0296 view scan ↗

English

improper steps, conflicting with the obligation that rests upon him. The undersigned will be able to satisfy the first point by producing the Orders of his aforementioned Lords and Masters, and especially those contained in the letter from Their Right Honorable Worships to this Government dated 23 July 1711, reading as follows: Truly, expressions that strike us as entirely indecent and unedifying; for even assuming that the aforementioned Governor had believed good reasons were on his side and militated in support of the advice he brought forward, to prefer the aforementioned Skipper de Coning over the aforementioned chief mate appointed to the aforementioned ship Bentfeld, he was indeed permitted to present and allege the same in the Cape Council for information, yet he nevertheless had to come to a decision with and according to the majority of votes, without wishing his private sentiment to prevail over that of the other council members, and indeed, what is more, concluding to the contrary against it and putting such into actual execution; as we find has happened in the case in question; for in that manner the entire Cape Council would not be necessary, if one could see fit to let affairs be handled by the Governor alone according to his own fantasy, but far be it from that: wherefore, in order not to enlarge too much upon this matter, we, alongside the Governor General and Council regarding this matter, refer him, the Governor, to a diligent examination of the papers and retro-acts resting at the Cape, and especially to the well-drawn Instruction of the Commissioner General, the Lord of Mijndregt, of blessed memory, framed for this Government; where, upon and from the resumption thereof, he will be sufficiently informed as to how he can and also must conduct himself in conformity therewith for the future. And which letter has its application in particular to the present case. Yet whether, in matters of government, members who were commissioned in the matter under deliberation ought not to be taken into account in the concluding majority, the undersigned considers that this should be demonstrated on irrefutable grounds rather than by a mere assertion: since in judicial sentences, even when sentencing those guilty of death, members are never excluded from the decisive vote who had served in the examination of the accused, the inspection of the corpus delicti, or other circumstantial details; and truly with reason, as such members find themselves in a better position than the others to judge the circumstances examined by them. It will therefore solely come down to whether, when a matter is proposed for deliberation to the Council in order to decide upon it, and the votes of the greater number of the members turn out to be completely contrary to the opinion of the Chief Ruler, that Chief Ruler possesses the power to keep the votes cast by that majority from reaching a conclusion, which is indeed just as much as keeping the conclusion of that majority without effect, and even executing affairs according to his own opinion contrary to the sentiment of that majority; and this the undersigned asserts runs completely counter to the clearly stated intention of the Lords Masters cited above: which is why he is also obliged to continue maintaining this opinion until Their Highest Honors might be pleased to decide something further in this regard. For those same reasons, the undersigned is, under correction, of the opinion that the vote of the majority toward any decision being present, this inherently includes the conclusion of the majority: which consequently demands its execution without that execution needing to wait until the resumption, since the resumption is actually and solely necessary regarding the wording of the Resolution: a multitude of extracts from the brief minutes of what was resolved by the High Indian Government show, after all, that in order to make what is decided at that High Board take immediate effect, one by no means waits for the drafting of the Resolution, much less for its resumption, and truly, if one were obliged to wait for this, especially in matters requiring speedy execution, as occurred in the present case, to what would the Company's interests not often be exposed! And not only the custom of all civilized nations, but even natural reason itself, says H: de Groot in his Justification of the Lawful Government of Holland and Westfriesland, Chapter 8, also implies that in matters of government, voting must decide: given that the difficulties of the matters under deliberation and the diversity of human temperaments do not

Dutch transcription

onbetamelijk stappen, strijdendetegens de verpligting die op hem legt Aan het eerste zal den ondergeteekende kunnen voldoen, met het by brengen der Ordres van hoogstgem: zijne Heeren en Meesteren en Speciaal de geene die zig vervat vind by Haar Wel Ed: Hoog Achtb aanschrij vens aan dit Gouvernement in dato 23:e Iulij 1711. dus Luidende Voorwaar expressien die ons gensch indecent en „ onstigtelijk te voren komen, want schoon geno„ men dat voorm: Gouverneur al hadde vermeynt goede reedenen aan zijne zijde en tot Soutien van zyn voortgebragte advijs quam te militeeren, tot het presereeren van voorschre. Schipper de Coning boven voorm: opperstuurman op 't voorn: Schip Bentfeld bescheiden, zo vermogt hij dezelve in de Caabse Raad tot informatie wel voort„ brengen en allegueeren, dog moest dien onver„ mindert egter met en volgens de meerderheid van stemmen tot een besluit komen, zonder zijn Particulier Sentiment boven dat den andere raadsleeden te willen doen perrevaleren, Ja wat meer is dien Contrarie tot het tegendeel Concludeeren en zulks met er daad werkstellig maken; gelijk wij vinden in Cas Subjece geschied te 8 „te zijn; wijl op die rorpe den ganschen Caabschen raad „niet nodig zoude weezen, bij aldien men konde goedvin„ „den de zaaken door den Gouverneur alleen na zijn „eigen fantasie te laten behandelen, dog dat zij verre „daar van daan: weshalven om ons op deeze stoffe „niet al te zeer te exlargeeren, zo zullen wij beneffens „ Generaal en Raaden hem Gouverneur raakende dit „voorwerp renvoijeeren aan een naarstig examen „der papieren en retro acta aan de Caab berustende „ en speciaal aan de welgestelde Instructie van den Com„ „missaris generaal de heer van Mijndregt g: g: „ voor dit Gouvernement geformeert; alwaar hij bij „en uit de resumptie van dien genoegzaam zal wor„ „den g'informeert, hoedanig zig dien Conform, voor „ het aanstaande zal kunnen en ook moeten gedraagen. En welk aanschrijven in het bijzonder haar appli„ catie heeft op het present geval. Dog of in het stuk van Regeering bij de concludee „rende meerderheid in geen aanmerking zouden be „hooren te koomen, Leeden die zig gecommitteerd hebben gevonden in de zaak waarover de deliberatien valt; acht den ondergeteekende dat meer op onweraak„ „baare gronden, dan bij een enkele Sustenue zoude moeten worden aangetoond: daar dog bij rechterlijke gewysders, zelfs in het Sententieeren over doodschuldigen van child van de Conclusive Stemming- nimmer uitgeslooten worden Leeden dewelke tot het Examineeren van deeze beklaagde, de Schouwing van het Corpus delibte ofte andere Crcumstantiede omstandigheeden hebben ge„ vaceerd gehad; en waarlijk met reeden, alzoo zulke Leeden zig nader dan de andere in de mogelijkheid bevinden om over de door hun bezogte omstandig heden te oordeelen. Het zal er dan alleen op aankomen of een zaak ter deliberatie aan den Raad voorgesteld ten einde op de zelve te besluiten, wanneer de Stemmen van het meerder getal der Leeden geheel Contrarie de opinie van den Hoofdgebieder uitkomen, dien Hoofdgebie„ „der de faculteit bezit om de Stemmen bij die meer „derhijd gevallen te houden buijten Conclusie, het welk dog even zo veel is als de Conclusie van die meerderhyd te houden buyten effect, en zelfs Contrarie het gevoelen van die meerderhyd de zaaken na deszelfs opinie ter uitvoer te brengen; en dit sustineert dan ondergete dat volkomen aanloopt tegen de vooren aangehaalde duidelijk verklaarde Intentie der Heeren Meesteren: Waarom hy ook verpligt is, dit gevoelen te blijven foveeren dot dat het Hoogst dezelve zoude mogen ge= lieven hieromtrent iets nader te decideeren. Om die zelfde reedenen is den ondergeteekende onder 0 onder correctie van Oordeel dat de stemming van de meerder„ „heid tot eenig besliet daar zynde, zulks de Conclusie van der meerderheijd van zelfs insluit: het geen mits dien haar executie vordert zonder dat die executie nodig heeft tez de resumptie te blijven vertoeven, daar de resumptie eigentlijk en alleen omtrent de extentie der Resolutie nodig is: Een meenigte van Extracten uit de Korte notulen van het geene bij de hooge Indiasche regee„ „ring geresolveert is, toonen dog aan, dat omen, om het geene aan die hooge Tafel besloten word, dadelyk te doen effect sorteeren, geensints op de extensie der Re„ „solutie, veel minder op dies resumptie blyfft wagten, en waarlijk, wanneer hier op zoude moeten worden gewagt, voor al in zaaken die eene Spoedige executee vorderen, gelijk in het presente geval plaats heeft gehad, waaraan zoude dan 's Comp:s belangen veel tyjds niet al worden blootgesteld! En niet alleen het gebruik van alle gepolitieerde Natien, maar zelfs ook de natuurlijke reeden „ zegt H: de Groot in zijn verantwoording van de Wette „lijke regeering van Holland en Westfriesland Cop 8„ „brengt meede dat in het stuk van Regeering over „stemming vallen moet: aangezien de diffeculteiten „vande Materien daarover gedelibereerd werden „de Verscheidentheid der menschelijke humeuren niet de

NL-HaNA_1.04.02_10687_0300 view scan ↗

English

does not allow that all matters should be advised upon unanimously, and matters frequently require order and disposition, and it is notoriously unreasonable that the greater number should follow the lesser. For which reason it can also never be demanded of any member of the government that his deference to a chief ruler should be so great as, in order to prevent an outvoting against his opinion, to deliver his advice or conclusion contrary to the conviction residing within him: which renders someone just as blameworthy as a plot and actual execution to make agreements with other members in order to regulate some points among themselves according to their pleasure, against the approval and sentiment of their ruler, and then to force the same upon him: If indeed such had taken place in the present case, it would be desirable that the Independent Fiscal had convicted those who might have been guilty thereof in this regard, and had refrained from insinuating generally, through the arguments used in that respect, that all the members who constituted the majority had such a condemnable intent: unless, whenever some members deliver their voting voices contrary to those of the chief ruler and have the majority on their side, this always leaves the freedom to derive such an intent against them by consequence. The members of the council can likewise by no possibility flatter themselves that it would serve as an adequate justification to their Lords and Masters if, being convinced of having helped to adopt some resolution against their better judgment and contrary to the Company's interests, they could offer no other excuse than merely having avoided outvoting out of deference to the Chief Ruler, since their High Mightinesses hold not only the chief ruler but also all members of the council responsible, of which a multitude of examples, both from earlier days and even in the most recently received dispatches, are at hand. And the restitution to the Honorable Company, in which the present Chief Ruler placed himself on completely equal terms with the members of the council when it pleased the Lords Masters to order that restitution in the event that the allocated gratuity to the engineer Thibault and the one given to the cadets were deemed too high, clearly demonstrates that his Honor himself held the council members no less responsible than a chief ruler. And as regards the contention of the Independent Fiscal, among others, to have to protest against the conclusion to decree a commission of two members of the council to inspect the defects that might be discovered on the vessel the Helena Louisa, on the grounds of nullity and invalidity, because this commission would be unnecessary, contrary to the dignity of these council members, and of the least effect; the undersigned relies on the confidence that an impartial, unprejudiced, and calm examination, which the first report of the nautical commission and the equipment master is to encounter; and a comparison thereof with what the subsequent resolutions of this council and further reports relating to that matter entail; and is also confirmed by the outcome concerning the said vessel, will not only find the necessity of such a commission, but at the same time that this commission, far from conflicting with the dignity of these council members, on the contrary would have served to preserve that dignity, especially with respect to the two members who, in a dutiful manner, exerted their zealous efforts for the Company's interests in preserving that vessel; and that therefore, even if no other effect was to be expected from it, this commission ought nevertheless for that reason to have taken place; without it being sufficient in such a case that the members who had been commissioned should have the faculty to privately undertake the inspection of the vessel or of its keel: For if every member were allowed to act on his own in that manner, then no commission of them would ever be necessary: privately they indeed had no interest in the vessel, but they did for their Masters, or otherwise recognizing in them a faculty that every private individual has makes them just as unqualified as any private individual to submit a legal report of their findings. Nor can the costs have constituted an objection against this commission, since the same, with consideration, could just as well have been executed without the least expense to the Honorable Company, just as in the past year the commission at a much greater distance to Swellendam was carried out without a penny of expense to the Company, with complete willingness, by the Secunde Mr. Rhenius and the undersigned. These reasons and motives regarding the conclusion of the undersigned for the aforementioned commission being so plausible, his vote can also in no way be rejected.

Dutch transcription

„niet toe en laat dat op alle zaken eenpariglijk zoude „ werden geadviseert en de zaaken dikmaal ordre en „dispositien vereisschen en notoirlijk onredelijk is, „dat het meeder getal het minder zoude volgen. Waarom ook nimmer van eenig Lidt der regeerin kan worden gevergt, dat zijn deference voor een Hoog „gebieder zo groot zoude zijn, om ten einde tegen desselfs op inie geen overstemming te doen plaats hebben, contr de overtuiging die bij hem resideert, zijn advijs, ofte con „clusie uit te brengen: het welk iemand even zo wel veraakbaar steld, als een toeleg en dadelijke uijtvoe„ „ring om met andere Leeden overeenkomsten te make ten einde eenige poincten na hun welgevallen, tegen het goedvinden en sentiment van hunnen gebieder onder zig te reguleeren en hem als dan dezelve op te dwingen: Indien dog zulx in het presente geval plaats had gehad, ware het wenschelijk dat den heer Independent fiscaal de geene die zig hieraan mogten hebben schuldig gemaakt, deswegens overtuigde en nagelaten had, door de daaromtrent gebruijkte raisonnementen generalijk alle de Leeden welke de meerderheid hebben uitgemaakt van een zodanig Con„ „demnabel opzet te insimuteeren: ten waare dat, wanneer eenige Leeden derzelver voteerende Hemmen strydig met dien van den Hoofd gebieder uytbrengen en de meer meerderheid aan hunne zyde hebben, zulks altoos vrij„ „heijd laat om daar uit een zodanig op det bij Consequentee tegens hun te deriveeren. De Leeden des raads kunnen zig meede met geen mogelijkheid vlejen dat bij Hunne Heeren en Meesteren tot bequame verantwoording zoude verstrekken, wan¬ neer zij, overtuijde werdende eenige Resolutie teegens hun beeter weeten; Stryjdig met 's Comps belangen ter hebben helpen neemen, geen andere verschoning konden inbrengen, dan alleen uit deference Voor den Hoofd„ „Gebieder de overstemming te hebben vermyd, alzoo Hoogst dezelve niet den Hoofdgebieder alleen, maar ook alle de Leeden des raads verantwoordelijk houden waar van een meenigte van voorbeelden zo van vroegere daagen als zelfs in de laast ontfangene aanschrijvens voor handen zijn. Ende vergoeding aan d' E Comp„e waarin den presenten Heer Hoofd„ „gebieder zig met de Leeden des raads volkomen eguaal heeft gesteld, wanneer het de Heeren Meesteren be„ „haagt heeft die vergoeding te ordonneeren in het geval dat de toegelegde Douceur aan den Inginieur Thibault en de Gegeen aan de badets te hoog waaren genoomen, tond duidelijk aan dat zijn Wel Edele Gestrenge zelfs de Raadsleeden niet minder dan een Hoofdgebie„ „der heeft verantwoordelijk gehouden. tie 2 En En wat betreft de Sustenie van den heer Inoesendent fiscaal onder anderen om teegens de Conclusie tot het decerneeren eener Commissie op twee Leedender Raads tot het inspecteeren, ver gebreeken die aan het Scheepje de Helena Louisa zouden worden ontdekt, van milli„ teit en verval te moeten: protesteeren, om dat deeze Com„ „missie onnodig, Contra Signitatem deezer raads leeden en van het minste effect zoude zijn; berust den onder geteekende in het vertrouwen dat een onpartijdig, on bevooroordeeld en bedaard inzien, het welk het eerste rap port der zeekundige Commissie en den Equipagiemeester Staat te ontmoeten; en eene vergelijking van hetzelve met het geene de daarop gevolgde besluiten deezes raads en verdere rapporten, tot die zaak betrekkelijk, meed brengen; en ook door de uitkomst omtrent het gem: Scheepje is bevestigd, niet slegts de noodzaakelijkheyd van eene zodanige Commissie zal bevinden, maar ook te gelijk dat deese Commissie wel verre van eene Strij„ „digheijd met de waardigheijd deezes raadsleeden te hebben inteegendeel tot Conservatie van die waardigheijd zoude hebben komen te verstrekken, voor al ten opzigte van de twee Leeden die op eene plichtmatige wijze voor s Comp:s belangen tot behoud van dat Scheepje hunne ieverige Logingen hebben aangewend; en dat dierhal„ „ven al was er dan ook geen ander effect uit te verwagten geweest geweest, deeze Commissie egter om die reede had behooren stand te grijpen; zonder dat in zulk een geval genoeg zou „de zijn, dat de Gecommitteerd geweest zijnde Leeden de faculteit hadden om voor hun particulier de inspectie van het scheepje of van desselfs Kiel te neemen: Want indien ieder List in dier voegen op zig zelfs zoude mogen ageeren, dan was er nooyt geen Commissie op dezelve nodig: voor hun in 't Particulier hadden zij dog geen Intrest in het scheepje, maar wel voor hunne Meesteren, of anders in hun een faculteit te erkennen, die ieder Marticulier heeft, maakt hun even zo onbevoegt als ieder particulier om van derzelver bevinding een Legaal rapport in te brengen. Ook en kunnen de Kosten geen object teegens dee„ ze Commissie hebben uitgemaakt, daar dezelve met overlegeven zoo wel buiten de minste kosten voor dE. Comp„s zouden hebben kunnen worden g'executeerd, als in den gepasseerd en Iaare de Commissie op eene vrij verdere afstand naar Swellendam, zonder een penn Kosten voor de Comp:s met volkomene bereidwilligheijd door den Heer Secunde Ahenius en den ondergeteekende ten uitvoer is gebragt geworden. Deeze reedenen en motiven nopens het Concludeeren vanden ondergeteekende tot de meergeregre Commissie zo plausiebel zijnde, kan zijn vota ook geen zints worden af nt agter

NL-HaNA_1.04.02_10687_0304 view scan ↗

English

derived from relationship, indeed no relationship exists between him and any of the other members to such a degree that it could dispose him to take any greater personal interest in helping to decree such a commission than in refraining from it; and the closest relationship between him and the other members consisting in the affinity by marriage with Mr. Lesueur, the varying opinions that now and then reside between that gentleman and him concerning various matters arising in the Council will serve as proof that even this brother-in-law relationship, let alone a very distant relationship with Messrs. Rhenius and van Boudtshoorn, has not the slightest influence upon him to manage thereby the expression of his true opinion whenever it differs from that of their honors. Indeed, clear proof of this is to be found in the resolution regarding the long quarantine of the ship Avenhorn, taken, as he believes, in the month of April or May of the year 1788. And which decision, whereby that ship was exposed to a dangerous season of the year and indeed was wrecked, subsequently made him realize even more that it does not always accord with the Company's interests when one believes one can justify oneself by following the report or advice of those in whom one must assume the closest knowledge of any arising point, if there are objections that advise against following it. With this statement, the undersigned believes he may let the matter rest, as containing the grounded reasons for his conduct in the aforementioned case; and serving to refute the positions and assertions appearing in the protest submitted by the Independent Fiscal; as well as for his justification before his Lords and Masters, which is why he rests in the certain confidence that, far from being brought into any unfavorable suspicion with the very same Lords and Masters through these positions and assertions, their Right Honorable Worships will be pleased to view his entire conduct in a more favorable light, as being directed from the most proper basic principles toward the maintenance of the Company's interests, which will always serve as a pleasant reward to him. Moreover, he must protest in the strongest manner that he intended nothing other by this than to follow the obligation that rests upon him as a member of the Council, nor to have had even the slightest purpose, much less in this or in any other case to acknowledge himself guilty of a single step intruding or interfering in the post, domain, or authority of the Chief Commander, on the contrary enjoying the satisfaction for himself that in the various posts he has had the honor to hold and still occupies in the service of the Company under this Government, he has been able to give complete satisfaction to every one of his Chief Commanders, and may he be permitted in that regard, with reference to the present Honorable Valiant Governor, to refer to the evidence available concerning this in the resolutions of this Council and letters to the Lords and Masters; yet, for the reasons stated, while preserving the respect due to the character of the Chief Commander, he finds himself obliged in his capacity as a Member of the Council to leave to the said present Governor the responsibility for not having executed the aforementioned decision taken by the majority at the meeting of the 15th past, and consequently to protest hereby in the strongest terms against this non-execution, as well as against the consequences that might arise therefrom. At the bottom was written: Cape of Good Hope, 20 July 1790. O. G. de Wet. Signed. After a complete collation was performed, this was found to agree in all parts with the original copy residing among us. Which we witness: J. V. Le Sueur P. Reede van Oudtshoorn Copy of a Copy: Letter H. H. Upon reading the protest submitted to the Council on 23 June last by the Independent Fiscal van Lynden against the decision taken prior by the majority of the members on the 15th, to commission the undersigned alongside Mr. Lesueur from among their number to Saldanha Bay in order to conduct an ocular inspection there of the defects which might be further discovered on the vessel upon the careening of the small ship Helena Louisa, in order subsequently to make a report of their findings to the meeting, and upon which submitted protest the aforementioned resolution of the majority was put out of effect by the Governor, the contents of that document having appeared to the undersigned at first glance to be of such a nature that he believed he could not avoid examining the singular propositions occurring therein a little closer and laying them open for the judgment of this Council, this is the reason why he had requested a copy of the same. However, after that copy had been delivered to him and he had immediately occupied himself with that examination, it then appeared further to him that the entire manner of that protest is in its kind completely new and exceedingly worthy of the attention not only of the Council here, but also of the Lords Majores in the Fatherland, but that he

Dutch transcription

afgeleid uit vermaagschapping, immers heeft geen ver„ maagschapping tusschen hem en een der andere Leeden plaats in dien graad, dat dezelve hem zoude kunnen disponeeren om eenig meerder particulier blang te stellen in het helpen decerneeren van eene zodanige Commissie, dan wel in het nalaten van dien; ende naaste vermaagschapping tusschen hem ende andere Leeden in de Swagerschap met de Heer Lesuieur bestaande, zullende verschillende opinien die 'er nu en dan bij ƒ dien heer en hem omtrent deeze en geene voorkomende zaaken in den Raad resideeren, tot overtuiging verstrek „ken dat zelfs deeze Zwagerschap, laatstaan eene zeer verre vermaagschapping met de heeren Rhenius en van Boudtshoorn, geen den minsten invloed op hem heeft, om het voortbrengen van zijn waaragtig gevoelen„ wanneer het zelve met dat van hun EE:s differeert, daarom te menageeren: trouwens eene duidelijke Preuve hier van is te vinden bij de Resolutie tot het langen in guarantaine houden van t Schip Aven„ „horn, zo hij meend in de maand April of meij des Jaars 1788: genomen. En welk besluit, waar door dat schip aan een gevaarlijke Iaar Saisoen wierd g Exponeerd en ook werkelijk verongelukt is, hem nader hand nogmeer heeft doen inzien dat het niet altoos met 's Comps belangens overeenkomt, wanneer men meent ƒ omeent zig te kunnen verantwoorden met het rapport of advijs te volgen van de geene in wvien omen de naaste kennis van eenig voorkomend poinct moet veronderstellen, zo er be„ denkelijkheeden militeeren die het op volgen van dien ofraden. Bij dit gezegde meend den ondergete het te mogen laaten berusten, als in zig behelzende de gronden reeden van zijn gehouden gedrag in het voorsch:n geval; en strekkende ter wederlegging van de bij het door den heer Independent Fiscaal overgelevert protest; voorkomende positiën en affertien; mitsg:s ter zyner Justificatie by zijne Heeren Meesteren waarom hij dan ook verseerd in het zeeker vertrouwen, dat wel verre van door deeze Positien en asser „tien bij Hoogst dezelve Heeren Meesteren in eenige na deelige verdenking te worden gebracht, Haar Wel Ed=e Hoog Achtb dit zijn geheel gedrag als uit de betamelyks te grond beginselen tot voorstand van s Comp:s belangen gerigt zijnde, uit een gunsteger oogpunt hem altoos tot eene aangename belooning verstrekkende, zullen gelieven te beschouwen. Hij moet overigens op de Kragtigste wijse Protesteeren van daarmeede niets ander te hebben bedoelt dan de verpligting te volgen, die als Lidt des Raads op hem Zegd, nhog ook eenig het minste Oogmerk te hebben gehad, veel minder het zij in dit of in eenig ander geval zig schuldig te kennen aan een enkelen Stap indringende of ingererende inde Post, Gebied of authoriteit van den Hoofd n Hoofd Gebieder, in teegendeel voor zig zelfs die Satisfactie genietende, dat hij in de onderscheidene Posten die hij d' Eer heeft gehad in den dienst der Maatschapye by dit Gouvernement te bekleeden en nog occupeert, een ieder zyner Hoofdgebiederen volkomen Contentement heeft mogen geeven, en het zij hem gepermitteerd zig dien aangaande met betrekking tot den presenten Wel Ede Gestr Heer Gouverneur, te mogen beroepen op de blijken die deswegens bij de resolutien deezes raads ende brieven aande Heeren Meesteren, voorhanden zijn, dan hij vind zig om de bygebragte reedenen behoudens het respect aan het Caracteer van den Hoofd Gebieder verschuldigt, in zijn hoedanigheijd als List des Raads verpligt aan welgem presenten Heere Gouverneur over te laaten de verantwoor ding van het bovengem: ter vergadering van den 15e passat=o bij de meerderhijd genomen besluit niet te hebben g'execu„ teerd en mitsdien tegens dezelve non executie, gelyk meede tegens de gevolgen die daar uit zouden mogen ont„ staan, bij deezen op het Sterkste te moeten protesteeren. /:onderstond/ Cabo de Goede Hoop den 20 Iuly 1790- O: G: dewet- /was geteekend./ Na gedane perfecte collatie is dee„ „ten met de origineele Copije onder ons berustende in allen deelen accordeerende bevonden. — T Welk Wij getuijgen. J:V: Le Sucur P. Reedevan Ouderhoven F „ Copia Copiae: L„a H. H. Dij lecture van het Protest door den Heere Indepen„ Fiscaal van Lynden op den 23 Iuny laastleeden in Raade Overgelegt tegen het besluit door de meerderheid der Leeden den 15e bevorens genomen, om de onder get=e nevens de Heer Lesueur uit hun midden naar de Salcanhabaay te Committeeren, ten einde aldaar Oculaire inspectie terneemen aan de gebreeken, welkeomen bij de Kieling van het Scheepje de Helena Louisa aan dat Vaartuig nader zoude mogen ontdekken, om van hunne bevin ding vervolgens aan de Vergadering verslag te doen en op welk ingelevert Protest de voorsch=r Resolutie der meer „derheid door den Heere Gouverneur buijten effect gesteld ge„ worden is, den inhoude van dat stuk den ondergeteekende in den Eersten opslag voorgekomen zijnde te weezen van dienaart, dat hij heeft gemeend niet om heen te mogen de daarbij voorkomende Singuliere stellingen een wijnig nader te onderzoeken, en ter beoordeeling van deezen raade open te leggen, is dit de reeden, dat hij Copije van 't zelve heeft verzogt gehad. Dan dat, na dat hem die Copije bezorgt geworden was en hij zig dadelijk met dat onderzoek had verledigt, hem als thoen wel nader gebleken is, dat de gantsche Schake van dat Protest in zijn zoort is geheel nieuw en Overwaar„ dig d'attentie niet alleen van den Raad alhier maar ook van de Heeren Majores in 't Patria, maar dat hij . - dee„ r van

← previousnext →