Inventory 2323
Persia · 1,522 pages · 359 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
From Cape of Good Hope, the 1st of February 1734. Great embarrassment for lack of crew, in which we currently find ourselves. The six ships with their cargo, and whatever belongs thereto, have been properly handed over by express commissioners, according to the orders of the Honourable Company, to Skipper Jan Mijndertsz, appointed thereto, and two commanding chief mates, each in so far as it concerns him. By which means it is trusted that all three of them, under God's blessing, will be brought to Your Right Honourable Worships' capital in a good condition and state of readiness; in which expectation we hope that Your Right Honourable Worships will be pleased to be satisfied with our arrangements made here in this regard. Whereas, since the ship Haaften had to be discharged here for the greatest part, and that this could proceed only very slowly because of the weak condition of its crew and our inability to provide for it due to a lack of other hands, as well as on account of the great difficulty experienced in getting out of her a heavy piece of timber for the burghers' corn windmill, which was sent hither from the fatherland with that vessel, which work had to be attended to in the very calmest weather and sea; so that we have only just been able to make an end of unloading the goods brought by that ship for this Government. And that we intend, instead of having to supply it with much ballast, to send with that hull to Your Right Honourable Worships as much fresh, newly harvested wheat as it can conveniently take in, seeing that the crop has turned out better than we expected, and as we ventured to set down in our humble letter of the 4th of December last regarding this matter; so that it is hoped that Your Right Honourable Worships' recently made demand for the said grain can be well satisfied. We have therefore—since this ship van Alsem has no other cargo on board than solely for Batavia, Some wheat loaded in Haaften beforehand, to be sent to Batavia. From Cape of Good Hope, the 1st of February 1734. along with Noordwijkerhout, by lack of crew, must for now remain lying here. and that the same, if only the required crew could be added to it, could therefore pursue its voyage thither—judged it best for the greatest service of the Honourable Company that, in order to get that vessel ready all the sooner, so many healthy hands from Haaften should be transferred to it as was found necessary to achieve this aim, in order then to be able to dispatch the same from here with the utmost speed. Because, in view of the very great embarrassment for lack of crew in which we find ourselves, no other means could be devised to put this into execution; and that it was consequently seen that, to choose the lesser of two evils, it is more useful for the service of the Honourable Company, and more agreeable to Your Right Honourable Worships in your shortage of ships, that one ship which otherwise could not yet have become ready should remain here somewhat longer, rather than that both of them should have to remain lying idle for lack of hands. As this case, to our regret, already exists in respect of the small vessel Noordwijkerhout, to which, for that reason, we will not yet be able to give its dispatches for the present, since on that small vessel no more than just eighteen heads in total are now found present. While this vessel must stay behind. From Cape of Good Hope, the 1st of February 1734. Zorgwijk to the island of Ceylon. Hoping, however, that through the recovery of the sick still in the hospital, this may succeed sooner than one can now flatter oneself, and that the ship Haaften may also, by this same help, be put in a condition to be sent onward to the Indies once it has taken in its wheat cargo here, with the shipment of which a start has already been made. Just as the ship Zorgwijk, destined for Ceylon, having finally, with much trouble, been provided with the necessary crew, Departure of the ship Zorgwijk. could be dispatched on the 16th of the past month of January, Arrival of the provisions ship Haaksburg in desirable condition. From Cape of Good Hope, the 1st of February 1734. and subsequently departed for that island on the 21st of the same month. Just as, on the contrary, on the 3rd of January before, there came to appear here in the roadstead in a desirable condition, with only one dead, being the skipper Cornelis Lons, and without any sick, the ship Haaksburg, sent hither by Your Right Honourable Worships with provisions for this place; which, upon its arrival, having been inspected by the Independent Fiscal Mr. Daniel van den Henghel and commissioners from the Council of Justice of this Government, was found to be properly and no more heavily laden than the report that was submitted to Your Right Honourable Worships by the members of the Honourable Council of Justice of the Castle of Batavia, who inspected that vessel on the 19th of October of the past year while it lay anchored in the outer roadstead of the aforesaid capital.
Dutch transcription
Van Cabo de Goede hoop den 1:' Feb: 1734. groote verlegentheijd om volk waer in „woordig bevind 6 scheepen met dies inlading, en wat daar toebehoort, aan den daar op gestelden Schipper Jan Mijndertsz:, ende twee gesag gevoerende opperstuurlieden, orden„ „telijk door expresse gecommitteerdens, vol„ „gens de ordre der E Comp, jder voor Soo veel hem aangaat, is overgegeeven, door welke middelen vertrouwt word, dat deselve alle drie onder Godes Zeegen in een goeden toestand en geschiktheid ter uwer wel Edele groot agtb: hooft„ „plaats sullen worden aangebragt, in welke verwagting wij hoopen willen, dat uwe wel Edele groot agtb: sig onse hier omtrent genomene dispositien sullen gelieven te laten welgevallen. Waar dewijl het schip Htaaften hier voor het grootste gedeelte heeft moe„ mensig hier tegen ten worden ontladen, en dat sulx ter oor„ „saak van de swacke gesteldheijd sijnes volks en ons onvermogens omdaar in bij gebrek van andere manschap te kunnen voorsien mitsgrs: ook uijt hoofde van de groote moeijte die men gehad heeft, om een Swaar stuk houts ten behoeve van de ƒ E Van Cabo de goede hoop den 1:' Febr: 1734. eenige Tarw voor afgeladen. — deburger Coorn wintmoolen, met dien bodem uijt het vaderland herwaarts gesonden, daar uijt te krijgen als het welke met het alverstils te weer, en zee, heeft moeten worden waargenoomen, seer lang„ saam heeft kunnen voortschieten, soo dat wij nu maar even met de ontlossing der door dat schip voor dit Gouverne„ „ment aangebragte goederen een eijnde heb„ „ben kunnen maaken, en dat wij voornemens zin, in plaats dat men andersints veel pallast daar aan soude dienen af te geeven soo veel versche nieuw geougste Tarw met die kiel aan uwe wel Edele groot agtb: toe te senden als denselven gevoeg„ „gelijk sal kunnen inneemen, gemerkt dat gewasch beeter geslaagt is als wij verwagt, en bij onsen onderdanigen van den 4:' decemb:r pass=o weegens deese saak hebben derven ter needer stellen, in sullende inhaaften „voegen men hoopt dat uwe wel Edele batavia worden groot agtb: jongst gedaanen eijsch van d A graan, wel voldaan sal kum„ „nen werden hebben wij derhalven vermits dit schip van Alssem geen andere Lading als alleen voor batavia Van Cabo de goede hoop den 1. Feb:r 1734. nevens Noordwijker„ „hout; bij mandijne, dog „wient van manschap„ hier voor eerst nog „vende blijven batavia in heeft, en dat het selve oversulx als men slegts het vereijschte volk daar aan toevoegen kon, derwaerts soude kunnen reijsvorderen, voor ten meesten dienst der EComp:e best geoordeelt dat men omdien op dem hier toe te spoediger „klaar te krijgen, soo veel gesonde man schap van saaften daar op soude doen overgaan, als tot bereijking van dit oog„ „merk nodig wierd gevonden, ten eijnde denselven als dan ten spoedigsten van hier te kunnen dimitteeren, vermits ten aansien van de seer groote verlee„ „gentheijd om volk, waar in men sig bevind, geen ander middel heeft kunnen werden uijtgedagt om dit ter uijtvoeringe terbrengen, en dat gevolg„ „lijk is ingesien, dat het om van twee quaaden het beste te kiesen, nitten voor den dienst, der EComp: is, en aan„ „genamer aan uwe wel Edele, groot agtb: in hare verlegentheijd om schee„ Terwijl dien bedempen zal zijn, dat een schip het geen buijten dien voor als nog niet klaar sullen moeten verto heeft kunnen raaken, wat langen blijft vertoeven dan dat zij beijde, bi 3 21. Van Cabo de goede hoop den 1:' feb: 1734. Zorgwijk naar het Eijland Ceijlon. bij gebrek van manschap zoude moeten leggen blijven, gelijk dit geval tot ons leedwesen reets Exteerd:, in opsigt van het scheepje Noordwijkerhout aan het welke menster dier oorzaak zijne de„ : „peches voor eerst nog niet zil kunnen geeven, also op dat bodemken nu niet meer dan slegts agthien Coppen in't ge heel inwesen worden gevonden hopende egter dat zulx door het her„ „steld raaken der nog in't hospitaal zijnde zieken, spoediger als men sig nu vleijen kan, zal mogen geluc„ „ken, en dat ook het schip Htaaften door dit zelve hulpmiddel instaat zal kunnen werden gebragt, om naar Jndia te worden voort geson„ den, wanneer het zelve zijne Tarw Lading met welkers afscheeping bereijts een begin is gemaakt, alhier zal ingenomen hebben, soals het naar Ceijlon gedestineerde schip Dorgwijk Eijndelijk nog met veel depart van't schip moeijte van de noodigewendige manschap voorsien zijnde geworden, op den 16:' der gepasseerde maand Januarij - provisie schip haar„ „burg in wenschel „lijke Constitutie Van Cabo de goede hoop den 1 feb: 1734. Ianuarij heeft kunnen werden gede„ „pecheerd, en vervolgens op den 21:' d=o na dat Eijland is vertrocken. — Gelijk in tegendeel op den 3: Januarij bevorens in een wenschelijken toestand aankomst van het alleen met een doode, zijnde den schipper Cornelis Lons, en sonder eenige zie„ ken, hier ter rheede is komen te ver„ „schijnen het door uwe wel Edele groot agtb: met provisien voor dese— plaats, herwaards gesondene schip Haaxburg dat bij zijne aankomst door den fiscael in dependent M=r Daniel van den Henghel, en gecom „mitteerdens uijt den raad van Jus „titie deses Gouvernements gevisiteerd wesende, bevonden is, behoorlijk en niet swaarder geladen te zijn, als het rapport, dat door de leden van den agtb: raad van Iustitie des Casteels Batavia, dewelke dien bodem op den 19:' october des voorleden jaars, geankerd leggende op de buiten rheede van evengem: hoofdplaats, besigtigt hebben, aan - twe ƒ -
English
23. Cape of Good Hope, the 1st of February 1734. ten return ships Noble, Right Honorable, there addressed letters. From submitted by your Right Honorable under that date, and distributed to us in copy by their Honors, further indicates, and also by God's goodness in a very well-conditioned state, the first dispatch arrived here in this Table Bay on the 13th of the aforementioned month of January, the ten return ships of the first dispatch: Huis te Spijk with 4 dead, 6 sick Hogersmilde with 4 dead, 8 sick Nieuw Walcheren with 3 dead, 6 sick Haamstede with 6 dead, 15 sick Hofvliet with 4 dead, 16 sick Clarabeek with 2 dead, 6 sick 't Land van Beloften with 2 dead, 4 sick Soetelingskerke with 2 dead, 11 sick Hillegonda with 3 dead, 7 sick De Spiering with 4 dead, 12 sick further. Which we shall therefore not fail dutifully to provide with the required refreshments and other necessities, to the end that the same may be forwarded to the ports of the Netherlands at the time determined for that purpose by our Lords and Masters, without any receipt of your Right Honorable also consigned to us gratitude on account of set down therewith. From Cape of Good Hope, the 1st of February 1734. further delay, we have seen ourselves therewith, as well as with the aforementioned ship Haaksburg, honored once again with your Right Honorable's highly esteemed letters of the 16th and 31st of October last, so that we find ourselves obliged hereby to express to your Right Honorable our dutiful gratitude for the good provision of the supplies that were brought to us with the same ship Haaksburg, and likewise for the return shipment of the goods that could not be found here, but were discovered at Batavia in some outgoing ships, as also very particularly for the pipe staves sent to us, which were handed over by the authorities of the ship Voorduijn, which sailed past this cape, to those of Prattenburg in the Sunda Strait, and likewise also for the copies provided to us of the sentences of some exiles present here, of which the previous ones through expression of thanks for some matters that have been 25. From Cape of Good Hope, the 1st of February 1734. and further communicated to us were lost due to the shipwreck of Savenburg; meanwhile we have duly caused the General Office to be credited in our trade books for the amount of the aforementioned goods from the Fatherland, both those that came to us and those that were not found at Batavia, and in which also the error committed with respect to the insufficient amount entered for the sum of money for the blacksmith's coal unloaded here has been dutifully corrected, for which mistakes in the future all possible care will be taken to prevent anything similar from happening again; thanking your Right Honorable in the meantime further with much respect for the communication kindly granted to us regarding the ships that departed from Batavia for Ceylon, which are to be expected this year in return via that island, and that the three China traders have safely passed the high land of Bantam, as well as that the ship De Schelling, after Cape of Good Hope, the 1st of February 1734. of the future shipment of shall be dutifully after having endured very much on the Madagascar voyage, finally arrived at Batavia, yet to our regret in a very desolate condition, regarding which your Right Honorable will still please show the kindness that a copy of the journal kept on that painful voyage will be granted to us, which also prompts us to a dutiful expression of gratitude. We shall also not fail punctually to follow the orders of your Right Honorable regarding the elephant tusks that are gathered from now on to be shipped from here, namely that the same are received properly dry from the suppliers and also delivered as such into the hands of the ship's officers, as now those to the number of 240 pieces, weighing 20 lb and more, that have been shipped in this vessel, are already marked with the Company's mark, and since besides 27. From Cape of Good Hope, the 1st of February 1734. as the same has been observed regarding care for little plants and ostriches besides that the weight of each tusk is written upon it, there will be no more reason to fear the swapping of these tusks in the future, all this appearing more fully from the invoice and bill of lading enclosed herewith, as well as that your Right Honorable, besides the aforementioned quantity, are still to receive 5732 pounds of underweight tusks; we shall also carefully follow your Right Honorable's order regarding the almonds to be shipped from here in the future by having them weighed and counted out to the ship's authorities, and continue in the same manner to send your Right Honorable some cases with rooted little plants, as also care will be taken of those that go over with this vessel, already with the required ostriches as soon as they shall be in a state to be shipped and obtained, with recommendation to the ship's officers, as has always been done, yea, for which the Governor, in order that they might be better preserved, has even had pens constructed on board, so that by them the necessary
Dutch transcription
23. Cabo de goede hoop den 1 Feb: 1734. thien retourscheepen Edele groot agtb: daar „neerde brieven. Van uwe Wel Edele groot agtb: onder dien datum overgegeven, en door haar E: E=s aan ons in Copia is bedeelt nader komt aan te wijsen, ook zijn door Godes goed„ gelijk ook van de „heijd in een seer wel gestelden staat, den eerste besending op den 13:e der voorseijde maand janua„ „rij in deese Tafelbaij komen op te dagen de Thien retour scheepen van de eerste huijs Tespijk - - - „ 4: Hogersmilde Nieuw Walcheren Haamsteede. Hofvliet. . „3 Clarabeek. T' land van beloften „ 2. „ 4. „ besending: — Soetelingskerke. . . „ 2. „ 11. Hillegonda. „ 3 _=o 7. — - . „2. „ 6. Dewelke wij derhalven niet versuijmen sullen, van de vereijschte ontfangstuwer wel ververssingen, en andere benodigtheeden meede aan ons geconsig„ volgens pligt te besorgen, ten Eijnde deselve op de daar toe door onse heeren en m=ren bepaalden tijd, sonder eenig 8 „ 6 8: D Spiering. . met 4. dooden 12: zeeken verder. - . „4. „ 6. - „ 15. „ „ „ 16. „ - . 6 „ „ _o „baarheijd weegens daerbij ter nedergestelt. Van Cabode goede hoop den 1:e feb: 1734. verder vertoef na de havenen van Nederland zullen kunnen werden, — voortgesonden, hebben wij ons daer mede soo wel als met het voorzeijde schip haar„ „burg, wederomvereerd gesien, met ten wel Edele groot agtb: veel geagte letteren van den 16:' en 31:' october Jongstleden, invoegen wij ons verpligt vinden uwe wel Edele groot agtb: onse schuldige dank „baarheijd bij desen te betuijgen voor de goede besorging der provisien die aan ons met het zelve schip Haaxburg zijn toegebragt, en so mede wegens de te rugsending der goederen die hier niet te vinden geweest, maar tot Batavia insommige uijtkomende scheepen ont„ „dekt zijn geworden, gelijk ook wel bij„ „sonderlijk voorde aan ons toegeschikte betuijging van dank„ pijpeduijgen, dewelke door de over„ eenige saaken die heeden van het desen uijthoek voorbij„ „gezeijlden schip voorduijn, aan die van Prattenburg in de straat Iunda zyn overgegeven, en insgelijx nog, voor de aan ons besorgde afschriften der Sententien van eenige hier zijnde. bannelingen, waar van de vorige door 25. Van Cabo de goede Loop den 1:e Feb: 1734. en verders aan ons gecommuniceert door het verongelucken van Savenburg sijn verlooren geraakt; inmiddels dat wij het Comptoer generael voor het bedragen der voorseide vaderlandsche goederen soo wel die aan ons geworden, als de geene die tot batavia niet gevonden sijn, be„ „hoorlijk bij onse negotie boeken hebben doen Crediteeren, en waar bij ook schuld„ „pligtig geredresseert is, het abuijs dat in opsigt van het te wijnig opgenoomene op de geldzom vande hier geligte smee„ „koolen is begaan geweest, voor welke— misslaagen in't vervolg alle mogelijke song sal werden gedragen om te preve„ „nieeren dat iets diergelijx niet meer sal koomen voor te vallen; bedankende uwe wel Edele groot agtb: ondertusschen al verder met veel Eerbied, voor de gun„ „stelyk aan ons verleende Communicatie sijn geworden aangaande de van Batavia naar Ceijlon vertrockene scheepen, de„ „welke dit jaar over dat Eijland in retour sullen te wagten weesen, en dat de drie Chinaas vaarders het hooge land van E Bantam behouden zijn gepasseert, mitsgrs: dat het schip des terstelling na. e: an Cabo de goede hoop den 1:' feb: 1734 van de voortaaij af te scheepene vol„ sal schuldpligtig na seer veel op de madagascarsse reijs te hebben uijtgestaan, eijndelijk tot batavia is koomen op te daagen dog tot ons leetweesen in een seer desolate ge „steldheijd, waar omtrent uwe wel Edele groot agtb: die goedheijd nog zullen gelieven te gebruijken, dat ons een af„ schrift van het Journaal op die peni„ „bele togt gehouden sal werden bedeelt, het geen ons al meede tot schuldige dank„ „betuijging komt aan te spooren. — Ook zullen w' niet afzijn de beveelen E de ordre ten belange van uwe wel Edele groot agtb: ten re„ „phants Tanden guarde van de Oliphants Sanden, die worden opgeboerde oortaan van hier staan versonden te worden, namentlijk dat deselve wel ter deegen droog van de Leveranciers worden ontfangen en ook sodanig aan de scheeps opperhoofden ter handen gestelt, punctueelijk te agtervolgen gelijk nu de geene die ten getale van 240. stux, weegendeg den 20. lb. en daar booven, in deesen bodem syn afgescheept, bereijts met 's Comp=s. — merk geteekent zin, en dewijl buyten 27 Van Cabo de goede hoop den 1:e Feb: 1734. gelijk deselve omtrent is in agt genoomen plantjes en vogel„ struijsen versorgen buijten dien het gewigt van elke sand daar op staat geschreeven sal voor het ver„ dde gene die met deesen „ruijlen van deese Tanden in't vervolg: niet bethem overgaan bereijts meer terugten weesen, blijkende dit alles nog nader uijt de heer bij gevoegde Factura en Cognoscement, gelijk meede dat uwe wel Edele groot agtb: behalven de voor„ „seijde quantiteijt, nog 5732. ponden =minwigtige Tanden staan toe tekoomen; ook sullen wij ordre van uwe wel Edele, groot agtb: ten belange der van hier te versendene amandelen in't aanstaande naaukeurig opvolgen met die aan de scheeps overheeden te doen toeweegen en toetellen, en inselver voegen Continueeren, met uwe wel Edele groot agtb: eenige Cassen met dragen plantjes te verson, ook sal me de dragen, gen benevens de gerequireerde vogel „ „struijsen soo dra die instaat om te kunnen versenden, en te bekoomen sullen zijn met recommandatie aan de opperhoof„ „den der scheepen, soo als altijd gedaan is ja waar voor den Gouverneur op dat Zij te beeter soude kunnen worden bewaard selfs hoeken aanboord heeft Laten maaken, dat door haar d. nodige. ƒ t:
English
and to maintain in observance what has been written to us regarding Loring Passir. namely some persons made capable the necessary care for these animals must be taken, so that they do not happen to die through their neglect, whilst we henceforth also, according to duty, shall regulate ourselves after the orders of your Right Honourable Great Respectabilities regarding the inspection of the stowage of the arrack leagers and the writing off of other exceeding minor items, and likewise with regard to the reinforcement of 12 instead of 6 rixdollars per month to the demang Wira regarding Wiralaga with his men, as well as the usual 300 Spanish reals to the Pangeran Loring Passir reckoned at 8½ schellingen each, which will in the future be paid to him at 13 schellingen a piece, likewise, upon the return of our two divers with their gear, all efforts will be made to as also the render one or more persons as capable as possible for the diving work, in order that they can then again be sent to your Right Honourable Great Respectabilities. From Cape of Good Hope the 1st of February 1734. Meanwhile, 29 From Cape of Good Hope the 1st of February 1734. notice regarding the Windhond shall be given to all outbound skippers meanwhile, continuously by us to all commanders of the outbound ships, as has already happened regarding those of Zorgwijk and the bearer of this, warning shall be given that they will have to beware of the evil enterprises of the vessel the Windhond, which was carried off and turned to piracy, so that they may remain free from all inconveniences that could be brought upon them thereby, wishing however to hope that the villains aboard, before more evil is accomplished by them, flying into the candle shortly here or there, will attain punishment according to their deserts. The bookkeeper of the ship Delfland remaining here, Jacob Rokel, having now been placed by us, together with his family, on the vessel Noordwijkerhout present here, which arrived without a bookkeeper, we have nevertheless, in order so one Elisabeth Wilshuijsen sails over to Batavia and these are accompanied by ten secret orders which served for the present return ships: of the Danish ship the Wendela to obstruct as little as possible with the bearer of this, and to prevent all further disputes and disagreements that might still arise between Batavia and this place, subject to the favourable interpretation of your Right Honourable Great Respectabilities, judged it best, upon her request made, to let the young maiden Elisabeth Wilshuijsen sail over with the bearer of this, likewise returned therewith to your Right Honourable Great Respectabilities, ten secret orders, which were handed to the officers of the present return fleet, in order to make use thereof upon encountering any ships sailing under the flag or passes of Spain. From Cape of Good Hope the 1st of February 1734. While here, on the 20th of the just expired month of January, there arrived in port the Danish ship the Wendela, Captain Jurgen Matthijsz Foss, with 26 guns, 76 heads, sailed on the 3rd of November past from Tranquebar, to continue its voyage further to Copenhagen. Forth 31. From Cape of Good Hope the 1st of February 1734 of the bearer of this because of the fierce southeaster retarded corrections made thereto request of skipper Hoekeling to be allowed to go to the fatherland which was refused him to continue. Yet although we had hoped, the dispatches having been completed some days ago, to have been able to let the bearer of this proceed on its voyage some days earlier, this could nevertheless not happen sooner than now, because the southeaster blew vehemently for some days in succession, which made the roadstead unusable for small craft, referring ourselves regarding the few corrections made thereto, for the further approval of your Right Honourable Great Respectabilities, to the acts appended hereto in copy; we have also, to keep better peace and quiet among the common crew of this ship, had to resolve to remove the butler Jan Bijlwerf of Rotterdam therefrom and to transfer him to the vessel Noordwijckerhout, instead of the butler designated thereto, Hendrik Meijnders of Oldenburg, who in turn has been placed on this ship, the Alssem, whilst for the speculation of your Right Honourable Great Respectabilities we let From Cape of Good Hope the 1st of February 1734. this further be accompanied by a copy of a certain request presented to us by the skipper Jan Hoekeling, to be allowed to be sent not to Batavia but on the contrary to the fatherland, which request was refused him. Wherewith concluding this, we commend your Right Honourable Great Respectabilities' highly esteemed persons and the Company's weighty interests to the protection of God, remaining with much submission /was written below:/ Right Honourable, Firm, Greatly Esteemed, Valiant, Right Wise, Prudent, Very Generous Lord and Noble Lords, Your Right Honourable Great Respectabilities' very humble and obedient servants /was signed/ Jan de la Fontaine, A. v. Kervel, D. Henghel, Rhenius, H. Bleijning, H. P. Swellengrebel, C. Brand, Tulbagh /in the margin/ In the Castle of Good Hope the 1st of February 1734 (below stood) Agrees (was signed) W. van Leij, First Sworn Clerk. Monday
Dutch transcription
en in observantie houden wat ons ter enloring passeris aangeschreven. „nelijk eenigeluijden bequaam gemaakt noodige sorg voor deese dieren zullen moeten worden gedraagen, op dat de„ „selve bij hun versuijm niet komen weg te sterven terwijl wij ons voortaan al meede na de beveelen van uwe wel Edele groot agtb:, betreffende het doen visitee„ „ren van de Stuagie der arak leggers, en het afschrijven van andere exedeerende minderheeden volgens pligt Sullen re„ „guleeren en soo ook in opsigt van het versterken van 12: inde plaats van d rx=s ter maand aan den demang Wira x opsigt van wiralag Laga met de sijne, mitsgrs: van de ge„ woone 300. Spaanse realen aan den Pangerang Loring passir gereekent tot 8½. schell. jder dewelke met die „cat ons tegens 13 schell: het stuk aan hem in't vervolg voldaan sullen werden, Sullende insgelijx bij te rug komst onser twee duijkers met hunne gereedschappen alle devoiren worden aangewend om soo als ook is het doe nog een of meer persoonen tot dat tot het duijken werk soo veel doenelijk bequaam te maa„ ken, ten eynde deselves uls dan wederom aan uwe wel Edele groot agtb: Sul„ „len kunnen worden toegesonden; Van Cabo de goede Hoop den 1: Feb: 1734. ondertusschen - 29 Van Cabo de goede hoop den 1. ' Feb: 1734. windhoud aan alle uijtkomen de schip„ „pers narig sal ondertusschen dat door ons bij Continua„ „tie aan alle opperhoofden der uijtkoo„ „mende scheepen, soo als omtrent die van Zorgwijk en brenger deeser reets geschied is, sal worden gewaarschouwd, dat sij sig voor de quaade onderneemin„ „gen van het afgeloopen, en tot den Zee, mitsgrs: weegens de „roof overgegaane scheepje de windlond Sullen hebben te wagten, om dus voor al worden gegeeven. „le ongemacken die hier door aan haar souden kunnen werden toegebragt, bevrijd te moogen blijven, willende egter hoopen dat de daar op zijnde boos„ „wigten, eer dat door haar meerder quaad word uijtgeregt, in't kort hier of daar in de kaars vliegende straffe na verdiensten sullen koomen teerlan„ „gen: Den hier verbleevenen boekhouder van het schip Delfland Iacob rokel als nu door ons beneevens zijne familie op het aanweesend' scheepje noord„ „wijkerhout, dat sonder boekhouder uijtgekoomen is, geplaatst zijnde hebben wij egter omdat Kieltjen Soo - vaart eene Elisabeth wilshuijsen na batavia over en men laat deese versel„ „len van thien stux secree„ „te ordres die voor de presente retours scheepen gedient hebben: van het deens schip dewendela met brenger deeser soo weijnig doenelijk te belemmeren, en alle verdere twisten en oneenighee„ „den, die tusschen batavia en deese plaats nog souden kunnen ontstaan, voor te koomen, onder welduijding van uwe wel Edele groot agtb:, best geoordeelt, de Jonge dogter Elisabeth Wilshuij„ „sen op haar gedaane versoek, met bren„ „ger deeser te laten overvaaren worden, de daar meede insgelijx aan uwe wel Edele groot agtb: te rugge geschikt, tien stux secreete ordres, dewelke aan de overheeden van de presente retour vloot, sijn ter handen gestelt geweest, om sig daar van bij ontmoeting van eenige scheepen vaarinde onder de vlag of passen van Spanjen te kunnen te dienen. — Van Cabo de goede hoop den 1:' Feb: 1734. Terwijl hier op den 20:' der even af„ verschijning alhier C„ geweekene maand Iann: nogis Koo„ „men havenen, het deens schip de wendela, Cap:n Iurgen Matthijsz: foss, met 26. Stucken 76. Coppen, den 3:' Novemb: pass=o van Trancquebare gezeijlt, om zijne rheijs verders naar Coppenhagen Voort ƒ 31. Van Cabo de goede hoop den 1:' Feb: 1784 van brenger deeser vermits defelle Z: d=te agter uijtgeset verbeeteringen versoek van schipper hoe„ „vlant te mogen gaan dat aan hem is afge„ voort te setten. Dog hoewel wij hadden gehoopt sijnde de depeche„ - brengen deeser eenige dagen vroeger te winden eenige dagen zullen hebben kunnen laten reijsvorderen, heeft zulx egter vermits de Z O:t eenige da„ „gen agter den anderen vehement gewaaijt hebbende, derheede onbruijkbaar voor kleijn vaartuijg onkruijkb heeft ge„ „maakt, niet eerder als nu kunnen ge„ „schieden gedraagende ons noopens de wijnige daar op ter nader approbatie van uwe wel Edele groot agtb gedaane verbeeteringen aan de inCopia hier besij, daar op gedaane „den gevoegde actens, ook hebben wij om te beeten rusten vreede onder het gemeene volk van dit schip te houden, moeten besluijten den bottelier Ian bijlwerf van Rotterdam daar van te ligten, en te doen overgaan, op het scheepje Noordwijckerhout, insteede van den daer op bescheijdenen bottelier Hendrik Meijnders van Oldenburg die weder op dit schip van Alssem is geplaatst geworden, terwijl wij tot spekeling om nattvader„ „culatie van uwe wel Edele groot agtb: slaagen deesen Van Cabo de goede hoop den 1:e' Feb: 1734. deesen nog laten versellen, van een afschrift van seeker request dat door den schipper Jan Hockeling aan ons is gepresenteert, om niet na batavia maar in Tegendeel na het vaderland te moogen worden gesonden, welk versoek aan hem i6. afgeslaagen.— Waar meede deesen besluijtende beveelen wij uwe wel Edele groot agtb: seer geher„ „de Persoonen en 's Comp:s gewigtige belangen, inde hoede Godes, verblijven„ „de met veel onderdanigheijd /:onder „stond:/ Wel Edele Erntfeste groot agtb: manhafte wel wijse voorsienige seer genereuse Heere en Edele Heeren Uwe wel: Edele groot agtb: seer onderda„ „nige en gehoorsaame dienaaren /:was, Jan dela fontaine, A: V: geteekent KKervel, D Henglel Rhenius, O Hleijning, H = P wellengrebel, C: Brand Tulbagh /in margine / In't Casteel de Goede hoop den 1:' febr: 1734 (onder stond) Accordeert (was getekent.) W= leij E G: Clercq Maandag E
English
33: From Cape of Good Hope under date 1st Feb: 1734. Copy. Monday the 11th of January 1734. In the forenoon, all present. Today were carefully read the reports and declarations obtained by the Independent Fiscal Mr. Daniel van den Henghel, concerning the misfortune of the ship Blijdorp, wherein the same, according to what appears clearly enough from the contents of those papers, was shamefully abandoned by her consorts Van Alsem and Haaften, without the skippers Jan Hockeling and Adriaan De Graef having made any endeavors to render the required assistance to that hull, whether for the saving of the same in its entirety or of people and cargo, or even once by means of small boat or launch to have inquired how it fared in its distress, as their unavoidable duty From Cape of Good Hope under date 1st Feb: 1734. duty would surely otherwise have entailed; as well as a report from the aforementioned Hockeling regarding the incident he had with a certain Portuguese ship mounted with 22 pieces and named Senora Prasida, Captain Emanuel Goudinje, at the north coast of 5 degrees 25 minutes, longitude 358 degrees 24 minutes, regarding which he, by causing one of the sailors stationed thereon, who was to act as interpreter, to be tied up and beaten in order to make him speak Dutch by this means, alongside other speculative treatments, also exceeded his duty quite excessively, and further a declaration provided by the chief surgeon Isak Doumain, from which it appears that the frequently mentioned Hockeling has in every respect withheld the required necessities and assistance from the sick who were on his vessel; the Fiscal moreover indicating that his Honor has not yet been able to have the resolutions concerning the conduct and placing in irons of his chief mate 35. From Cape of Good Hope under date 1st Feb: 1734. Jan Tieman brought from on board and delivered into the hands of Hockeling, because of the hard blowing of the south-east wind; all of which having been maturely deliberated, it was found good and resolved for the best service of the Honorable Company, that regarding this withholding of the necessary things from the sick of Van Alsem, and their neglect or mistreatment resulting therefrom, further declarations shall be obtained by the Fiscal; and that furthermore the aforementioned two skippers Jan Hockeling and Adriaan van de Graaf, which latter, according to the certificate of the committee members from the Council of Justice of this government dated the 6th of the present month of January, before whom he appeared at that time to be heard, is not in his right mind, or at least pretends to be so, shall appear before the next meeting, in order to From Cape of Good Hope under date 1st Feb: 1734. Copy. be further examined on everything, and to present their defense, whereupon further such resolution may be taken as shall be found to accord with the Company's best service and fairness. /below stood:/ Thus resolved and decreed in the Castle of Good Hope on the day and year aforesaid. /was signed:/ Jan de la Fontaine, A: V: Kervel, D: V: Der Henghel, F: Rhenius, N:s Heijning, M:r Swellengrebel, C:l Brand, R:ts Tulbagh, as secretary. /below stood:/ Agrees, N:s Leij, First Sworn Clerk. /was signed./ Wednesday the 13th of January 1734. In the forenoon, all present. — The papers and reports concerning the skippers Jan Hockeling and Adriaan van de Graaf now being resumed again, as well as From Cape of Good Hope under date 1st Feb: 1734. the resolutions taken on the 29th and 31st of August last on board the ship Van Alsem regarding the conduct and placing in irons of the chief mate Jan Tieman, who subsequently died, as well as the two declarations provided by the bookkeeper and sick comforter of that vessel concerning the mistreatment and withholding of necessities by the mentioned skipper Hockeling from the sick who were thereon, the same was hereupon called inside and asked for what reasons he abandoned the ship Blijdorp, what moved him to mistreat some people from the Portuguese ship Senora Prasida that was with him, and also why he withheld the required necessities from the sick on the vessel under his command, as well as for what reasons he could think fit to leave his chief mate Jan Thieman so inhumanely to sit pining in irons and die away until a few hours before his death, From Cape of Good Hope under date 1st Feb: 1734. whereupon it was replied by him, Hockeling, that he could render no help to Blijdorp, that the abandoning of that ship occurred with the consent of the ship's council, but that he does not know whether a resolution was made thereof, and that if there is one, it must be in the custody of the bookkeeper; that he had a sailor of the Portuguese ship Senora Prasida tied to the grating and beaten with a rope's end because he would not speak Dutch, and that he also had the captain and five other persons of that ship, having come on board with him, placed in irons because the former was somewhat insolent, and so that the others would not go rummaging through or spying on his ship; that regarding the refusal of the required necessities to the sick, such was an untruth, except only for the oil, because that may not be cooked on board ship, which shall be proved by him with sufficient declarations to be provided by his officers and crew.
Dutch transcription
33: Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' Feb: 1734. Copia. aandag den Jann:ij 1734. voormid„ 11 „dags alle present. Sijn op heeden aandagtelijk geleesen de berigten en verklaringen door den heer fiscaal Independent M=r Daniel van den Henghel ingewonnen, aangaande het ongeval van't schip Blijdorp, waar in het selve, volgens 't geen uijt den Jnhoud dier papieren duijdelijk genoeg Consteert, door sijne mackens van Alsem en Haaften schandelijk is verlaten geworden, sonder dat de schippers Ian Hockeling en Adriaan De Graef eenige Revoiren E hebben aangewend om de vereijschte hulp aan die kiel 't sij tot redding van denselven in't geheel dan wel van menschen en goederen, toe te brengen, of selfs eens door middel van schuijt of bood, te doen vernemen, hoedanig het daar mede in sijn ongeluk is gestelt geweest, so als haaren onvermijdelijken pligt Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. pligt anders seekerlijk soude meede gebragt hebben; mitsgrs: ook een berigt van gemelten Rockeling wegens het voorval dat hij met seeker portugees schip gemonteert met 22. Stucken en genaamt Denora prasida Cap:n Ema„ „nuel Goudinje op de N. C=t van 5 grc: 25. min: lengte 358. gr: 24. min:, gehad heeft, waaromtrent hij sijnen pligt, met het doen vast binden en slaan van een der daar op bescheijdene mattroosen die voortolk soude ageeren, teneijnde hen door dit middel duijts te doen spreeken, nevens andere Speculative behandelingen ook vrij ver te buijten heeft gegaan, en verders een verkla„ „ring door den opperchirurgijn Isak Doumain verleent, waar uijt blijkt, dat dikwils genoemde hockeling de gerequi„ „neerde noodwendigheeden en hulp aan de op sijnen bodem geweest sijnde sieken, in alles heeft onthouden; gevende den heer fiscaal Daar en boven, tekennen, dat sijn E: de resolutien betreffende het deportementen in de boexen sluijten van desselfs Opperstuurm 35. Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. Jan Tieman, vermits oppperstuurm: het hart waijen van de Z: O=t wind, nog niet van boord toegebragt, en door hem Hockeling ter handen gestelt hebben kunnen werden; over al het welke rijpelijk gedelibereert sijnde, is voor den: meesten dienst der E. Comp. goedgevon„ „den en vastgestelt, dat men aangaande deese onthouding van het nodige aan de Sieken van van Alsem, en dersel„ „ver hier uijt gevolgde verwaarelosing of quaat Tractement, nog nadere verklaringen door den heer fiscaal sal doen innemen; en dat wijders de voormelde twee schippers Ian Hocke„ „ling en adriaan van de Graaf, welken laasten volgens het declaratoir van gecommitteerde leeden uijt den raad van Iustitie deeses gouvernements in dato den 6: der presente maand Iann=l, voor dewelke hij doenmaels verscheenen is geweest, om gehoort te kunnen werden niet wel bij sijne Linnen is, of ten minsten sig sodanig veijnsd te weesen, voor de naaste ver„ „gadering sullen verschijnen, om op ƒ alles. Van Cabo de goede hoop onder dato 1 ' feb: 174. Copia. alles nader te kunnen werden geExami„ „neert, en haare verandwoording in te brengen, als wanneer men verders zoodanig besluijt sal kunnen nemen, als met 's Comp:s meesten dienst, ende billijkheijd, sal werden bevonden over een te komen. /onderstond:/ Aldus gere „solveerd ende gearresteert In't Casteel de Goede hoop ten dage en Iaare voorsz /:was getekent:/ Ian dela fontaine, A: V: Kervel, D: V: D:r Henghel F. Rhenius, N=s Heijning M:r Swel„ „lengrebel, C:l Brand, R:ts Tulbagh r: en secretaris /:onderstond:) Accord=t N:s leig E. G. Clercq. (:was getekent.) ry Woensdag den 13 Jann 1734. voormiddags alle tegenwoordig. — Als nu wederom geresumeert sijn ƒ de de papieren en berigten de schippers Jan Hockeling en Adriaan van de Graaf betreffende, mitsgrs: ook Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' Feb: 174. de resolutien op den 29. ' en 31. ' aug:s Jongst„ „leeden binnen boord van het Schip van Als sem genomen, wegens het deportement en in de boeijen sluijten van den naderhand gestorvenen opperstuurman Dan Tieman, gelijkinge de twee verklaringen door den boekhouder en krankbesoeker van dien bodem verleend; noopende het quaat trac„ „tement, en onthouding van het nodige ƒ door gemelten schipper Hockeling aan de daar op geweest sijnde Zieken is denselven hier op binnen geroepen, en aan hem afgevraagt, om welke rede „nen hij het schip blijdogp verlaten heeft, wat hem heeft bewogen, om eenige menschen van het bij hem geweest sijnde portugees schip Sendra prasida te mishandelen, en ook waarom hij de vereijschte benodigtheeden aan de sieken van sijnen onder hebben den bodem heeft onthouden, mitsgrs: om welke redenen hij heeft kunnen goedvin„ „den desselfs opperstuurman Jan Thieman soo onmenschlijk tot op weijnig uuren na voor sijn dood, in de boeijen te laten sitten quijnen, en weg sterven waar Van Cabo de goede Loop onder dato 1:' feb: 1734. Waar op door hem Hockeling is gerepliceert, dat hij geen hulp aan blijdorp heeft toe„ „brengen kunnen, dat het verlaten van dat schip met toestemming van den scheeps„ „raed is geschied, dog dat hij niet weet, of daar een resolutie van is gemaakt, en dat soo er die is deselve onder den boekhouder moet berustende weesen dat hij een mattroos van het portugees schip Denora prasida op het rooster werk heeft doen binden en met een entje touw slaan omdat geen duijts wilde Spreeken, en dat hij ook den Cap=n en vijf andere persoonen van dat schip bij hem aan boort sijnde gekomen heeft doen inde ijzer sluijten, omdat den eersten wat brutaal was, en dat de andere Sijn schip niet soude loopen doorsnusselen of bespieden, dat aangaande het weij„ „geren van de gerequireerde noodwendig„ „heeden aan de sieken, sulx onwaarheijd was, behalven alleen van de olij, om dat die binnen scheeps boord niet mag gekookt werden, het geen door hem met genoegsame verklaringen te verleenen door sijne officieren en volk Sal. E
English
39. From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. will be able to be demonstrated, and as regards the chief mate Jan Tieman, that he was placed in irons and that indeed upon the poop deck, according to the resolution of the ship's council; requesting at the same time a copy of the statements made against him that were read aloud to him, in order to be able to submit his interests in response thereto; all of which having been deliberately considered with attention, it was approved and determined that this will be granted to him, and in addition time until next Saturday so as to be able to account for himself further in a meeting specifically convened for this purpose. Thereupon skipper Adriaan van de Graaf further appeared in the meeting, who was likewise asked by the Governor why he had so shamefully abandoned the ship Blijdorp, without making even the slightest effort toward the rescue of that unfortunate vessel, From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. notwithstanding that all his mates repeatedly admonished him thereto, indeed even requested and begged for it, adding that it would be unjustifiable if one did not perform his duty in this according to one's ability, as appears from the statement provided by the aforementioned mates regarding this matter; which was subsequently read to him; whereupon he, skipper Van de Graaf, answered that he could not come to anchor near the ship Blijdorp, and that consequently he could not help the same either; that this statement of the mates was drawn up by them with malice to his detriment, and that he therefore requested that they might swear to the same under oath; which also having been deliberated upon, it was decided that this request will be granted, and that he, Van der Graaf, will likewise be given time until next Saturday to be able to account for himself further, by means of an account that will have to be drawn up by him, 41. From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. drawn up as to how matters occurred regarding the accident of Blijdorp, and then further in such other manner as he shall find advisable and judge to be able to serve for the excuse of such a serious matter; so that to the one as well as the other, without cutting off their means of defense, full measure may be given, and then also to act as one in good conscience shall find to be proper for the Company's greatest service and interest. Beneath stood: Thus resolved and decreed in the Castle of Good Hope, on the day and year aforesaid. Was signed: Jan de la Fontaine, A. V. Kervel, D. V. den Henghel, Rhenius, N.s Heijning, H.k Swellengrebel, C.l Brand, R. Tulbagh, first clerk and secretary. Beneath stood: Agrees. Was signed: A.o Leij, First Sworn Clerk. — C. Opier. Saturday the 16th of January 1734, in the forenoon. All From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. Today the meeting having been convened once again, in order to be able to hear and inspect further the defenses of the skippers Jan Hoekeling and Adriaan van de Graaf, according to the resolution of the 13th of this month, nothing else was handed over by the first-mentioned than only a statement provided by the sub-officers and some other persons stationed on the ship Van Alsem, to the charge of the chief surgeon Isak Soumain, whereby the same is accused of having been drunk at times, and thereby unable to attend to the service, without, however, contradicting the matter upon which this principally depends, namely that what was necessary was withheld from the sick by him, skipper Hoekeling, all present, except for the Honorable Merchant and Warehouse Master Hendrik Swellengrebel, due to indisposition. [illegible] 43. From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. further stating again with regard to the abandonment of Blijdorp that a statement, as he called it, was made thereof at that same time, but that it was not written by the bookkeeper at that time, and that he, the bookkeeper, could or would not write it now either; furthermore, regarding what happened with the Portuguese ship Signora Prasida and its deported and deceased chief mate Jan Thieman, nothing at all; whereupon skipper Van de Graaf likewise being called inside, only a sort of extract from his journal was handed over by him, without adducing any further reasons of excuse; all of which having been carefully considered, and seeing that to these two persons, who have both made themselves guilty of the unjustifiable abandonment of their companion, and of whom the first is moreover charged with the ill-treatment From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. treatment of the sick, and other matters, as appears from many circumstances, and the other does not seem to be quite in his right mind, the command over the Company's valuable vessels can no longer be entrusted; it is therefore judged best and decided for the greatest service of the Honorable Company, that, taking the same away from them, skipper Hoekeling shall be sent across to Batavia with Haaften and Van de Graaf with Van Alsem, without them being allowed to exercise any authority on the further voyage, in order that the Right Honorable the gentlemen of the High Indian Government may further act in their regard in such manner as their High Honors shall be pleased to deem fit, for which reason also all the papers, statements, and reports received here concerning the same shall be sent over to Batavia; the report given by the mates of Haaften being according to the
Dutch transcription
39. Van Cabo de goede hoop onder dato 1 febr: 174. sal kunnen werden aangetoond, en wat betreft den opperstuurman Dan Tieman dat die volgens besluijt van den scheeps raad in de boeijen en dat wel op de Campanje is geslooten geworden, versoekende met eenen Copia vande te„ „gens hem sijnde verklaringen die men aan hem heeft doen voorleesen, om daar op syn belangen te konnen inbrengen; over alle het welke met aandagt gedeli„ „bereert wesende, is goedgevonden en vast gestelt, dat dit aan hem sal worden geaccordeert, en daar benevens tijd tot aanstaande Saturdag om sig als dan nader in een expres hierom te beleg„ „gene vergadering te kunnen verantwoor„ „den Sijnde hier op verders in verga„ „dering verscheenen, den schipper Adriaan van de Graaf, aan wien insgelijx door den heer Gouverneurs afgevraagt wierd waarom hij het schip blijdorp soo schantelijk heeft verlaaten, sonder eenige de minste pogingen tot redding van dien ongeluckigen bodem aan te wenden . Van Cabo de goede Loop onder dato 1:' feb: 1734 wenden, niet tegenstaande alle sijne Stuurlieden hem daar toe Iterative malen vermaand, Jaselfs om versogt en gebeeden hebben, met bijvoeging dat het onver„ „antwoordelijk soude weesen, dat men Sijnen pligt hier in niet na vermogen quam te quijten gelijk blijkt uijt de ver„ „klaring doorde voorseijde Stuurlieden weegens dese saak verleend; die aan hem Vervolgens wierd. voorgeleesen; waar op hij schipper vande Graafant - „woorden, dat hij bij het schip Elijdorp niet heeft kunnen ten anker komen, en dat het selve gevolglijk ook niet heeft kunnen helpen. dat deese ver„ „klaring der stuurlieden met opstemming door haar lieden tot sijn nadeel, is op„ „gestelt, en dat hij daarom versogt, dat sij deselve mogten beedigen; over het wel„ „ke meede gedelibereert sijnde, beslooten is, dat dit versoek sal worden toege staan, en aan hem van der Graaf ins„ ƒ „gelijx tijd gegeven om tegens satur„ „dag aanstaande sig nader te kunnen verantwoorden, door middel van een relaas dat door hem sal moeten worden opgestelt. 41. Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. opgestelt, hoedanig het sig omtrent 't ongeval van blijdorp heeft toegedra„ „gen, en dan verders op Sodanigen anderen wijs, als hij sig te rate vinden, en oordeelen sal, tot verschooning van sulken belijken saak te kunnen dienen; op dat men soo aan den een als den anderen, haar lieden geen wegen van defentie afsnijdende, de maat mag volmeeten, en dan ook sodanig handelen als men na gemoede, voor 's Comp:s meesten dienst en Jntrest sal bevinden te behooren /onderstond/ Aldus geresolveerd ende gearresteert in't Casteel de Goede hoop, ten dage en jaare voorszz /:was getekent/ Jan Vela Contai„ ne, A: V: Kervel, d: V: den Henghel, Rheniis, N=s Heijning, H=k Swellengrebel, C:l Brand R. Tulbagh O=t en secretaris /:onder„ stond. ) Accordeert /:was getekent A=o leij E. G. Clercq. — C: Opier Saturdag den 16:' Jann: 1734. voormiddags alle Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' Feb: 1734. Op heedende vergadering nogmaals sijnde belegt, ten eijnde men de veran„ „woordingen van de schippers Ian Hocke„ „ling en Adriaan van de Graaf, vol„ „gens het geresolveerde van den 13=e deeser maand, als nu nader soude kun„ „nen hooren en insien, is door den Eerst„ „genoemden niet anders overgelevert, als alleen een verklaaring door de det officieren en sommige andere persoo„ „nen, bescheijden op het schip van Alssem verleend, ten laste van den opperchirur„ „gijn Isak Soumain, waarbij den selven van somwijlen dronken, en daar door buijten staat geweest te zijn, om den dienst te kunnen waarnemen word beschuldigt sonder dat egter de saak daar het hier principaal op aan„ „komt, namentlijk dat het nodige door hem schipper Sockeling aan de sieken soude sijn onthouden alle tegenwoordig, behalven de E. Coopman en pakhuijs mee„ „ster Hendrik Swellengrebee„ door Jndispossitie. geworden 9 43. Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb:r 174. geworden, daar bij word tegengesproo„ „ken, seggende verders wederom in opsigt van het verlaaten van blijdorp dat daar van in dieselven tijd een, verklaa„ „ring /:soo als hij het noemde :/ is ge„ „maakt, dog dat die doenmaels door den boekhouder niet is geschreeven en dat hij boekhouder die nu ook niet heeft kunnen of willen schrijven: mitsgrs weegens, het voorgevallene met het portugees schip Signora prasida en desselfs gedeporteerden en gesterve„ „nen opperstuurman Ian Thieman niet met allen; waar op schipper van de Graaf insgelijx binnen geroepen zinde, wierd door hem alleen een soort van extract uijt desselfs Iournaal overgegeven, sonder eenige verdere redenen van verschooning bij te brengen, alle het welke met aandagt overwoogen, en ingesien weesende dat aan deese twee Persoonen, die sig bij de aan het onverantwoordelijk verlaten van haaren macker hebben schuldig gemaakt, en waar van den eersten nog bovensdien het quaad Tractement Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. Tractement dersieken, en andere saaken te last worden gelegt, soo als uijt veele omstandigheeden blijkt, en den anderen niet wel bij zijne Sinnen schijnt te weesen, het Commando over: 'sComp:s Kostelike bodems niet langer kan worden toevertrouwt, is derhal„ „ven voor den meesten dienst der E. ee Comp:s best geoordeelt, en beslooten dat men haar het selve ontneemende Schipper Hockeling met haaften en van de Graaf niet van alshem sonder dat sij lieden eenig gesag op de ver „dere rheijs sullen mogen voeren na Batavia sal laten overvaaren ten eijnde haar wel Edele groot agtb: de heeren der hooge Endiaasse Regeering, ten haaren opsigte verders zodanig sullen kunnen handelen, als haar hoog Edelens sullen gelieven goed te vinden, waarom ook alle de hier inge„ „kreegene papieren verklaaringen en berigten deselve Concerneerende na Batavia sullen worden overgesonden, zijnde het berigt door de Stuurlieden van Haaften gegeeven, volgens - het
English
From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. the request made concerning this by skipper van de Graaf has been sworn to, but the others were thought best to be left unexamined so that the way for further investigation may not be cut off by this; the command over the said ship Haaften, which remains provided with four good mates, and for which reason no further changes need to be made to it, will provisionally be left to the chief mate stationed thereon, Evert Kiekebosch, who is a very capable seaman, just as there will also be placed upon the ship van Alssem, the skipper of the small vessel Noordwijkerhout, Jan Mijndertsz; being furthermore appointed as chief mate thereon in place of the deceased Jan Thieman, the commander of the brigantine Victoria permanently stationed here, Pieter Frendze of Ameland, as well as, as second mate, also in the place of the deceased Dirk Janse Roos, the sailor Lourens Backer. From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. Backer of Amsterdam, who having already sailed two voyages as mate, fully possesses the required capability for this, all of this nevertheless subject to the honored further approval of the highest mentioned Lords of the High Government of India at Batavia, from whom they must also obtain the wages standing for these offices; furthermore, the aforementioned small vessel Noordwijkerhout, over which little vessel the authority will likewise be left to its chief mate Dirk van Gunster until Batavia, will quietly complete the voyage on that footing with him and the further three mates stationed thereon, so that likewise no other alterations will need to be made thereon, while the accountability of these ships, with their cargo and what belongs thereto, will be properly handed over to the skipper and the two commanders appointed thereon by express commissioners. From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. commissioners according to the orders of the Honorable Company, each for as much as concerns him, by which means it is trusted that all three of them will be brought in a good condition and order to the repeatedly mentioned capital; but since the ship Haaften had to discharge here for the greatest part, and that in it again, in place of the ballast that one would otherwise have to give it, a parcel of fresh wheat will be shipped, whereas on the contrary the ship van Alssem has no other cargo in it than solely for Batavia, for that reason, upon the proposal made by the Lord Governor, it was at once approved and determined that in order to put the said ship van Alssem the sooner in a state to pursue its voyage, as many healthy crew from Haaften as will be found necessary to achieve this objective will be transferred to it, and the same shall then be dispatched from here as soon as possible. From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. dispatched, because with regard to the very great embarrassment concerning crew in which one finds oneself, no other means can be devised to bring this into execution, and that one consequently perceives that, in choosing the best of two evils, it is more useful for the service of the Honorable Company that a ship, which otherwise could not yet be made ready for now, remains lingering somewhat longer, rather than that they should both have to remain lying here for lack of crew, as this case already exists regarding the small vessel Noordwijkerhout, to which, for those same reasons, since not more than eighteen persons in total are now found alive on that little vessel, its dispatches cannot be given for the present, hoping however that this may succeed, through the recovery of the sick still in the hospital, sooner than one can now flatter oneself, and that the ship Haaften. by this same remedy can be put in a state to be sent on to India, once the same shall have received its wheat cargo here. Below stood: From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. Thus resolved and decreed in the Castle of Good Hope on the day and year aforesaid. Was signed: Jan de la Fontaine, J: V Kervel, D: V. D: Henghel, S Rhenius, Hening, C: Brand, R: Tulbagh, council and secretary. Below stood: Agrees. Signed: A=s Leij E G Clercq. Copy Resolution taken by the ship's council of the ship van Alssem on Monday the 31 August 1733. The skipper Jan Hockeling having been informed by the surgeon. From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. surgeon Isaac Soumain, stationed on this vessel, how the dismissed chief mate Jan Tieman had not hesitated, after his dismissal, to utter much slanderous language, and had among other things said, as had been made known to him, surgeon, by the third surgeon Johannes Lobeck, that he would drive him, the aforementioned surgeon, along with the Commander Antonij Otto Hendrixer, the comforter of the sick Cornelis Los, and others, through their mother, and confirmed this with severe language. Whereupon the skipper Jan Hockeling, upon the accusation of the repeatedly mentioned surgeon, has seen fit to convene the ship's council, in which meeting he had the aforementioned third surgeon Johannes Lobeck called, who then declared the words of the dismissed chief mate mentioned above to be the sincere and pure truth, and always to be willing to confirm the same under oath, where
Dutch transcription
45. Van Cabo de goede h5op onder dato 1:' fbr: 1734. het hierom gedaane versoek van schipper van de Graaf beEedigt, dog de andere heeft men best gedagt ongerecolleert te Laaten blijven op dat den weg van nader ondersoek hier door niet mag werden afgesneeden; sullende het Commando over 't gem:e schip haaften dat nog van vier goede Stuurl: voorsien blijft, en waarom geen verdere veranderingen daar op behoeven te worden gemaakt Iimo„ „visioneel aan den daar op bescheijdenen opperstuurman Evert Kiekebosch, dat een zeer bequaam Zeeman is, worden, =gelaten gelijk meede op het schip van Alssem sal worden geplaatst, den Schipper van het Scheepje Noord„ „wijkerhout Ian mijndertsz: sijnde bovens dien tot opperstuurman insteede van den overledene Jan Thieman daar op aangestelt, den D gesaghebber van de hier permanente brigantijn Victoria Pieter Frendze van ameland, mitsgrs: tot onderstuurman, meede inde plaats van den gestorvene dirk Ianse Roos den mattroos lourens BBacker Van Cabo de goede hoop onder dato 1: feb: 1739. Backer van Amsterdam den welken al twee reijsen voorstuurman gevaaren hebbende hier toe de vereijsch„ „te bequaamheijd volkomendlijk besit, het een en ander nogtans ter geEerde nadere goed kieuring van hoogst ge„ D„odagte Heeren der hoogE: Regeering van Jndia tot batavia, van wien Zij ook de gagien tot deese bedieningen staande Sullen verkrijgen moeten, kunnen de wijders het voorseijde scheepje Noordwijckerhout, aan welkers opperstuurman Dirk van — Gunster het gesag over dat bodemken insgelijx tot op Batavia toe sal worden gelaten de rheijs op dien voet met hem ende verdere daar op bescheijde„ „ne driestuurlieden gerustelijk vol„ „brengen, soo dat daar op al meede geen andere verschanssingen sullen behoeven te werden gemaakt, inmid„ „dels dat mende verantwoording deeser scheepen, met dies inlading en wat daar toe behoord, aan den daar op ge„ „ „stelden schipper, en de twee gesag„ „voerders ordentelijk door expresse gecommitteerd=s. 47 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:'feb: 1734. gecommitteerdens volgens de ordre dir E. Comp. e, jder voor soo veel hem aan„ „gaat, sal doen overgeeven, door welke middelen vertrouwt word, dat deselve alle drie in een goeden toestand en geschiktheijd, ter meergem:e hooft„ „plaats sullen aangebragt werden, maar dewijl het Schip Haaften hier voor het grootste gedeelte heeft moeten ont„ „lossen, en dat daar in wederom in plaats van de ballast die men andersints daar aan soude dienen te geeven een part hij versche Tarw sal worden afgescheept daar in Tegendeel van alssem geen andere Lading als alleen voor batavia in heeft, is uijt dien hoofde, op de ge „daane propositie van den heer Gouver„ „neur met eenen goed gevonden en vast gestelt, dat men om gem: schip van Alssem te spoediger instaat van reijs„ „vorderinge te kunnen brengen soo veel gesonde manschap van raaf„ „ten, als tot bereijking van dit oogmerk nodig sal worden gevonden, daar op sal doen overgaan, en het selve als dan soo dra doenelijk van hier dimitteeren Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. dimitteeren, vermits ten aansien van de seer groote verlegentheijd om volk waar in men sig bevind, geen ander middelkan worden uijtgedagt, om Dit ter uijtvoeringe te brengen, en dat men gevolglijk insiet, dat het om van twee quaden het best te kiesen nutter voor den dienst der E. Comp. e is dat— een schip, het geen dog buijten dien voorals nog niet klaar heeft konnen worden gemaakt, wat langer blijft vertoeven, dan dat zij beijde bij gebrek van manschap, hier souden moeten leggen blyven gelijk dit geval reets exteert, omtrent het scheepje Noord„ „wijckerhout, aan het welke men om„ die selfde reedenen, alsoo op dat bo„ „demken nu nog niet meer dan agthien oppen in't geheel in weesen worden 0 gevonden sijne depesches, voor eerst niet sal kunnen geven, hopende egter dat sulx door het herstelt raaken, der nog in't hospitaal sinde Sieken spoediger als men sig nu vleijen kan sal mogen gelucken, en dat op het Schip Haaften door. 19 9 door dit selfde hulpmiddes instaat sal kunnen worden gebragt, om naar India te worden voortgesonden, wan„ „neer het selve zijne Tarw Lading alhier sal ingekreegen hebben /:onderstond:) Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' fbr 174 Aldus geresolveerd ende gear„ „resteerd In't Casteel de Goede hoop ten dage den Iaare voorsz /:was geteekent:/ Jandela fontaine, J: V Kervel D: V. D: Henghel s Rhenius, He „ning, C: Brand, R: Tulbagh raad en secret:s /:onderstond:/ Accor„ A=s leij E G Clercq „deert /getekent/ Copia Resolutie genomen door den scheepsraad van het schip van Alssem op maandag den 31' Au„ „gustus 1733.— Den schipper Jan Hockeling te kunnen synde gegeven door den Oppermeester Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. Oppermeester Isaac Soumain, op deesen bodem bescheijde, hoe dat den gedeporteerde opperstuurman Ian Tieman sig niet heeft ontsien na sijn deportement nog veel lastenlijke taale te uijtten, en hadde onder andere gesegt, soo als hem op„ „permeester tekennen was gegeven door den derde meester Iohannes Lobeck hem oppermeester voorn: beneffens den Commandeur Antonij Otto hendrixer den sieken trooster Cornelis Los en meer andere, door haar moer te sul„ „len Jagen, en sulx met swaare reden bevestigt Waar op den schipper Jan Hockeling op de aanklagte, van meergemelte opperm:r heeft goedgevonden, den scheeps„ raad bij een te doen vergaderen, in welke vergadering heeft doen roepen den derde m:r Iohannes Lobeck voorn:t die dan verklaarden, het gesegde van den gedeporteerden opperstuurman hier boven gemelt, de opregte en suijvere waarheijd, te sijn, en sulx altoos met Eede te willen bevestigen waar
English
51 From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. Whereupon, after submitting to the consideration of the other members of the council what misfortunes might arise from this, it was, after mature deliberation and by unanimous vote, in order to prevent all troubles, approved and resolved to put the aforementioned Ian Tieman in irons, and this was done in the year, day, and time as above. Signed: Jan Zeebeek, Hendrik Mulder, Aarnoldus de Vogel, Pieter Schermbeek. In the margin stood: in my presence, Samuel Tamin as bookkeeper. Below stood: Agrees. Signed: Ns leij Eij, Clerk. Copy. Resolution taken by the ship's council of the ship van Aessem on Saturday the 29th of August 1733. The council being assembled, and after prayer to Almighty God, the same considered the complaint of the skipper Jan Hoekeling regarding From Cape of Good Hope under date 1 September 1734. regarding his chief mate Ian Tieman, how he has now been drunk several times, as is also known to you, so that he was in no condition to perform his duty, just as from the very beginning when we lay in Texel, of which the Commander was indeed a witness. He even gave him a sharp reprimand about it the next day, and said that if he reported this to the Noble Lord Director, he, the chief mate, would be sent back up. But such warnings could help little with him, as the entire council has been an eyewitness thereto, for it has now happened several times already. On the 14th of July in the morning, seeing the headland of Start Point, I asked him what land that was, whereupon he answered that he did not know, and that it was of little importance, because an East India mate came there only once every six years or so. Outside From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. Having come outside the Channel, we took a bearing of the sun at sunset. I then told the chief mate to calculate the magnetic variation, but seeing the logboard the next day and no bearing being entered upon it, I asked the said mate why he had not calculated the bearing. He answered that he could not do it, that he had long since forgotten those trifles, nor could he calculate the dead reckoning a single noon even if he had been busy for three hours. I also had the officers come aft into my cabin, and in their presence asked the chief mate where he was with his dead reckoning, whereupon he took the chart to plot his position, but after having been busy for a long time, he said in their presence that he was unable to do it. On the 30th of July, the aforementioned chief mate had the From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. the first watch, the wind northeast and northeast by east, topgallant breeze and a stiff breeze, but he, the chief mate, let the ship tack before the wind with all sails aback on the mast so that in such a manner everything would come down from aloft. I dared no longer trust him with a watch, and then had the one-third watch as well as the master sailmaker keep the watch with him. On the 22nd of August in the evening at sunset, when we were about to take our second reef in the topsails, the chief mate went down the aft ladder to the fore, but before the fore topsail was reefed, he came aft to me and said he could perform duty no longer. But I noticed then that he was so drunk that he could not stand on his legs, which astonished me, for he had not been out of the aft hold for an hour yet. However, I called the boatswain aft to be an eyewitness to this, and let him go to his bunk, whereas on the contrary he had the 55 From Cape of Good Hope under date 8 February 1734. the watch. Not seeing the chief mate for one or two days thereafter, I told the chief surgeon to go and see him, and examine him to see how he was and whether he was in a condition to do his duty or not. He reported to me shortly thereafter that nothing ailed the chief mate. I then had him asked whether he would take his watch, but received as an answer from him that he could not keep watch. Having then maturely considered everything, we have resolved by unanimous vote, as we resolve by these presents, to dismiss the aforementioned chief mate Jan Sieman from office and wages, in order to relieve the Honorable Company henceforth of such an incompetent person, though nevertheless all subject to the approval of the Noble Lord Governor at Cape of Good Hope and the Honorable Council there. From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. All of which aforementioned we acknowledge to be the sincere and pure truth, and therefore, being requested thereto, are ready to confirm the same by solemn oath. Signed: Aarnoldus de Vogel, Jan Jansen Nueket, Pieter Schermbeek, Jan Zeebeek, Hendrik Mulder. In the margin: in my presence, and signed: Samuel Damin as bookkeeper. Below stood: Agrees. Signed: N:s leij, First Sworn Clerk. Copy. Report given at the requisition of the Lord Independent Fiscal, Mr. Daniel van den Henghel, by Ian Hoekeling, commanding the present ship van Alssem, being of the following content: That on the seventh of August of the year 1733, having at noon the estimated latitude of 16 degrees 17 minutes and longitude 354 degrees and 52 minutes, he, the deponent, sailing as pennant-bearer in
Dutch transcription
51 Van Cabo de goede hoop onder dato 1.:' feb: 1734. Waar op in overweging is gegeven, aan de verdere leeden van den maat, wat ongelucken hier uijt soude kunne ont„ „staan, soo is naar rijpe deliberatie met eenparigheijd van stemmen, om alle ongemaeken voor te komen, goed gevon„ „de en geresolveerd den meergem: Ian Tieman in de boeije te setten, en aldus gedaan ten Iaare dagen tijd als boven, /:was geteekent/ Jan Zeebeek Hendrik Mulder, Aarnoldus de Vogel, Pieter Schermbeef /in margine stond:/ mij Samuel Tamin als boek present „houder (onderstond:) Accordeert /.was Ns leij Eij Clercq. getekent Copia Resolutie genomen door den scheepsraad van Het schip van Aessem op Saturdag den 29' Augs 1733.— Den raad bij een vergadert zijnde, en naar gedaan gebed tot God almagtig is bij denselven op de aanklag„ „te van den schipper Jan Hoekeling Over ƒ Van Cabo des goede hoop onder dato 1:' 7ber 174. over desselfs opperstuurman Ian Tieman, hoedat hij nu verscheijde reijse dronken is geweest, gelijk UE meede bekent is, dat hij in geen staat was omdienst te kunnen doen gelijk van den beginnen af toen wij in Texel lagen daar den Commandeur dam dog getuijgen van heeft geweest, Ja heeft hem des anderen daags een scharp repra„ „ment daar overgegeven, en sijde bij aldoen hij zulx aan den Edelen heer bewinthebber aanbragt, hij opperstuur„ „man weder op soude werde gesonde„ dog sulke waarschouwinge konde bij hem weijnig helpen, gelijk den geheelen raad oog getuijgen daar van is geweest, want het nu al verscheijde maalen is gebeurt. den 14 Iulij 's morgens de hoek van Goudstart siende, vraagde hem wat land dat was, waar op hij antwoorde van sulx niet te weeten, en dat daar weijnig aangelegen was, want dat een oostindische Stuurman daar om het Jaar of ses maar eens quam= Buijten Van Cabo de goede Hoop onder dato 1: fbr 174. Buijten het Canaal gekomen Sijnde, peijlden deson in het ondergaen, seijde doen tegen den opperstuurman dat hij de miswijsing op soude maaken, maar des anderen daags deleij siende en geen pijling daar op stond, vraag„ „de gemelde Stuurman waarom de peijling niet op had gemaakt, ant„ „woorde dat hij 't selve niet kon doen dat hem die beuselingen al lang vergeten waaren, ook konde hij geen een middag deleij opmaaken al was hij drie uuren besig geweest. Ook heb ik de officieren agter in min kamer laaten komen, en heb in haar presentie gevraagt, aan den opperstuur„ „man waar hij met sijn bestek was, waar op hij de kaart heeft genomen om bestek te setten, dog naar een lange tijd besig had geweest, side in haar presentie van het niet te kunnen doen. den 30 ' Julij had voorn: opperstuurm de .. ƒ Van Cabo de goede hoop ond: dato 1:' feb: 1734. de eerste wagt de wind N O=t en N:O:t: O: mansz: en stive Coelte, dog hij opperstuurman liet het schip voor dewind overstaag draaijen met alle zeijlen op de mast soo dat op soo een wijs alles souw van boven neer koomen dorst doen hem geen wagt meer ver„ „trouwen, liet doen de eene derde waak als meede de opperzeijlemaker met hem de wagt houden. den 22:e aug:s des avonds met sonne ondergang soude ons 2:de rif inde marszeijls nemen den opperstuurman de agter trap afgaande na vooren, dog quam eer het voormarszeijl ge„ „reefd was, agter op bij mij, en seijde geen dienst meer te kunnen doen, dog merkte doen dat hij soo dronken was dat op zijn beene niet konde staan waar over ik stond te kyken, want had doen nog geen uur uijt het agter ruijm geweest dog riep egter de boots„ „man agter op om hier van oog getuij„ „gen te zijn, en liet hem naar sijn Kooij gaan daar hij in tegendeel de 9 C 55 Van Cabo de goede hoop onder dato 8 feb: 1734 de wagt hadt. Een â twee dagen daar aan geen Opper„ „stuur man siende, side tegen de opper„ „meester om eens naar deselve te sien, en hem eens te ondersoeken hoe het met deselve was of hij instaat was om zijn dienst te doen of niet, die mij kort daar aan rappor:t bragt dat hij opperstuurman niets manqueerden, liet hem doen vragen of hyj zyn wagt wilde waarneemen, maar bequam van hem tot antwoord dat hij niet konde waaken. — hebbe doen naar rijpelijk alles over„ „wogen te hebben, met eenparigheijd van stemmen geresolveert, gelijk wij resolveeren bij deesen, omme den meer„ „gem: opperstuurman Jan Sieman te deporteeren van Ampten gagie om d' E. Comp: in't vervolg van soo een onbequaam Subject te ontlasten, dog egter alles op goedvinden van den Edelen heer Gouverneur aan Cabo de Goede hoopen den Ed: raad aldaar tte Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' fbr 174. Al't welke voorsz wij bekenne de opregte en suijvere waarheijd te zijn en dierhalven daar toe versogt worden „de 't selve met solemneele Eede te beves„ „tigen (:was getekent) Aarnoldus de Vogel, Jan Jansen Nueket, Pieter Schermbeek, Jan Zeebeek Hendrik Mulder (:in margine:) mij present /:en getekent:/ Samuel Damin als boekhouder (:onderstond:) Accordeert (:was getekent:) N:s leij E. G. Clercq. Copia ƒ Berigt gegeven ter requisitie van den Heer Inde„ „pendent fiscaal M:r Daniel van den Henghel door Ian Hockeling voerende 't aanwee„ „send schip van Alssem, Sijnde van de volgende inhoud Dat op den sevenden augustus des Jaars 1733. hebbende gehad op de middag de gegiste B van 16 gr. 17 m: en lengte 354. gr. en 52. mn zeijlende hij relatant als wimpelvoerd ee in
English
From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. In company with the ships Blijdorp and Haaften on the port tack, with starboard tacks aboard, heading south and the wind west-northwest; at night at the seventh glass of the first watch, the aforementioned ship Blijdorp, which was sailing ahead, made a signal for land or shallows, upon which he, the deponent, together with the ship Haaften, made the countersignal and immediately tacked through the wind with the bow to the north, which course he, the deponent, continued to hold all night; having that night also heard the ship Blijdorp fire several times without, however, seeing any fire from her; seeing in the morning the Company ship Blijdorp to the south-southeast of him, as far off as could be seen, and could see no better than that she lay with her bow toward the sea, having all her sails furled, for which reason he, the deponent, thought that that ship was lying at anchor; and the wind was then west-northwest by west, a light and gentle topgallant breeze and also calm spells, not daring then to come to anchor there because it was a lee shore. From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. Shore it was, but toward noon, being driven more and more toward the shore by the calm and the high swell, he, the deponent, was obliged to come to anchor in 14½ fathoms, sticky ground, about ¼ mile from the ship Haaften, remaining there at anchor all afternoon without making a signal of parting because he intended to go to the ship Blijdorp the next day; but getting during the night a sudden squall from an easterly quarter with thunder and lightning, he, the deponent, got under sail, and on the following day, which was 9 August, saw the ship Haaften a long way ahead out at sea, the wind then being a light breeze, altering the course to the west in order to run into deeper water; he, the deponent, having subsequently heard no more of the ship Blijdorp nor seen her; that he, the deponent, on 11 August hailed the ship Haaften and called out to its captain, Adriaen van der Graaf, whether he had seen any further signs of the ship Blijdorp, to which Van der Graaf replied, "I do not believe she will get off, for I saw her closer than you," he, the deponent, having sounded 8 fathoms when he tacked away from Blijdorp that night and seen that ship at that time lying with her bow to the southeast against the shore. Thus transacted at Cape of Good Hope, 7 January 1734. Was signed: Jan Hockeling. Below: In my presence, signed: De Grandpreez, Secretary. In the margin: As commissioners, and signed: Brand, Johannes Moller. Below: Agrees, was signed: Aleij E. G. Clercq. Report given at the requisition of the Independent Fiscal, Master Daniel van den Henghel, by Jan Hockeling, commanding the ship Alssem, concerning what occurred with a Portuguese ship at latitude 5 degrees 25 minutes north, longitude 358 degrees 24 minutes, being of the following content: That on 11 September of the year 1733, in the morning at the seventh glass, he saw a ship to the northwest of him, holding the course with him, the deponent, which ship for the remainder of the day continued to hold the same course as he, the deponent, without, however, nearing him much; that he, the deponent, on the following day at daybreak, still seeing that ship to the south-southeast, estimated at 1 to 1½ miles from him, immediately prepared for defense, the more so because he, the deponent, shortly thereafter saw that that ship bore down toward him, also showing at that time, under the firing of a cannon shot, a Prince's flag, which he, the deponent, also did, that ship also flying a Prince's pennant from the main topmast; but early in the morning, at breakfast time, she hauled down her Prince's flag and hoisted, while firing a cannon shot, a Portuguese flag, which caused him, the deponent, to suspect that she was a rogue and that he, the deponent, had to be on his guard; for which reason he, the deponent, when he thought that that ship was close enough to him, had a shot fired across her as a signal that she should come no closer to him, the deponent; but notwithstanding this, the said ship continued just as boldly toward him, for which reason he, the deponent, once more sent her a shot which flew over her ship, whereupon that ship still bore down upon him, the deponent, seeking to come in upon him from behind, which caused him, the deponent, to resolve to run before the wind as well, in order thus to be able always to present his broadside to her, that ship also coming so close to him, the deponent, as if she intended to lay him aboard, at which point he, the deponent, fired another shot at her with an 8-pounder, which shot went right through her sails, whereupon that ship immediately lowered her boat into the water, but tarried so long without pushing off that he, the deponent, was forced, since she still continually sought to come upon him from behind, to turn his broadside to her, giving her six shots at once into her hull, whereupon she immediately fell back and at once sent her boat toward him, the deponent, in which boat were 7 or 8 persons, of whom one showed a parcel of papers, possibly written by themselves, as he could not recognize them as any pass, reporting further that they were passengers sent by the captain of the ship to him, the deponent, and that he had fully one hundred and twenty passengers aboard, so that with the seafaring crew he was fully 200 men strong; that he, the deponent, after receiving that report, sent three men back with the boat to fetch the captain, with orders that he should bring and show better papers, demanding
Dutch transcription
5 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:e' feb: 1734 in geselschap der scheepen blijdorpen Staaften over backboord side met stuur„ „boords hals toe decoers z: ende wind wlk des nagts met t 7=o glas in de eerste wagt; voorn: schip Blijdorp dat aan hij zeijlde, zeijn heeft gedaan van land of te droogtens, daar hij relatant beneevens 't schip Staaften 't Contra zeijn op hebben gedaan en aan„ „stonds door de wind om gewend met de Cop om de Noord, welkelgers hij rela„ „tant de heele nagt is blijven houden hebbende dien nagt ook 't schip blijdorp verscheijde maal hooren schieten sonder egter vuur van hem te sien;— siende desmorgens van de Compagnie tschip Blijdorp in't Z.: t van hem soo verre als men sien konde en kon„ „en niet beetersien als dat 't met de neus zeewaarts lag, hebbende alle sijne zeijlendigt, waarom hij rela„ „tant dagt dat dat schip ten anker leijde en was de wind als toen wen NW: t W, labber en slappe bram„ „zeijls Coelte en ook stilletjes, der„ „vende als toen daar niet ten anker komen om dat het een lager was Kabo de goede hoop onder dato 1:' fer: 1734. Van wal was, dog tegens den middag hoe langer hoe meer doorstille en hoogedeij„ „ning naar de wal gegooijt werdende moest hij relatant op 14½ v=m Stek grond ten ankerkomen omtrent ¼ mijl van het schip Haaften, blijvende hij relatant den geheelen agtermiddag daar ten anker Sonder zeijn te doen van patsjaer omdat hij dagt des anderen daags naar 't schip blijdorp te gaan, dog des nagts een ravaat over stand uijt een oostelijker hand met donder en blixem krijgende, ging hij relatant onder Zeijl en sag desanderen„ daags sijnde geweest den 9:' augustus 't schip Htaaften een groot stuk voor uijt in zee 't windje als toen lijk Clabbercenstie, boegende de Coers Ct om de west om dieper water te loopen; hebbende hij relatant nader„ „hand van het schip Blijdorp niet meer gehoord ofte 't selve gesien Dat hij relatant den 11:' dier maend aug:s 't schip Haaften heeft gepraeijt en tegens dies schipper Adriaen van der Graaf toegeroepen of hij eenige. G 59 59 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 174. eenige naderteijkens van't schip Blijdorp hadde gesien, daar hij van der Graaf op antwoorde ik geloove niet dat hij er sal van afkomen, want ik heb hem nader bij gesien als u, heb„ „bende hij relatant toen 's nagts van Blydorp wende 8 V=m gegooyt en Sagter dier tijd dat schip met de Copom de Z O:t tegens de wal leggen (:onderstond:) Aldus gepasseert aan Cabo de Goede hoop den 7 Ianuarij 1734 (:was getekent:/ J:n Hockeling d=o /:lager:/) mij present /getekent/ de Grandpreez secret:s /:in margine) als gecommitteerdens /:en geteekent Ve Brand J:s Moller (onder„ stond/ Accordeert /was getekent) Aleij E. G. Clercq. — E Berigt gegeven ter requisitie van den Heer Independent fis„ „caal m„r Daniel van den Henglel, door Jan Hockeling voerende Copia het. E Van Cabo de goede hoop onderdato 1:' fb: 1739. het aanweesen d schip van Alssem weegens het voorgevallene met een portugees schip op de NB. van 5 gr: en 25. m: lengte 358. gr: en 24 m: sijnde van de volgende inhoud. — Dat op den 11:en September des Jaars 1733. 's morgens met 't 7=de glas een schip in't Nw=t van hem heeft gesien, hou„ „dende met hem relatant de Coers om de 't welk schip 't overige van den dag deselfde Coers als hij relatant bleef houden sonder hem egter veel te naderen dat hij relatant des anderen daags met den dag dat schip in't ZZ O:t naar gis„ sing 1 a 1½ mijl van hem nog siende „ aanstonds sig klaar heeft gemaakt tot defensie, te meer dewijl hij relatant kort daar aan sag dat dat schip 't naar hem toeleijde, toonende ook als toen onder een Canon schoot een prince vlag, 'twelk hij relatant ook deede, latende dat schip meede een prinse wimpel van de groote steng waaijen, edog mett 61 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' fbr 1740. met vroeg schaffen haalde hij sijn prin„ „se vlag needer en hees onder 't doen van een Canonschoot een portugees vlag op, 't welk hem relatant deed vermoe„ „den dat 't eenschelm was, en dat hij relatant op sijn hoede moeste weesen, waarom hij relatant toen hij dag't dat dat schip hem na genoeg was, hem een Coegel liet overschieten tot een teeken dat hij hem relatant niet nader soude komen, dog des niet tee„ „genstaande hiel 't selve schip even brutaal op hem aan, om welke reedene hij relatant 't selve nogmaals een Coegel toesond die over sijn schip heen vloog, wanneer dat schip 't nog op hem relatant hield dragende, soe„ „kende hem relatant van agteren in te komen, 't welk hem relatant deed resolveeren om 't meede voorde wind te gooijen, ten eijnde dus instaat te weesen om hem altoos de seijde te kin„ „nen bieden, komende dat schip hem relatant ook soo na als of hij hem relatant aanboord wilde leggen, als wanneer hij relatant nog een Schoot op hem Deed met een 8. lb, welk Schoot J Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb 1734. Schoot door sijne Zeijlen heene gong, waar op dat schip aanstonds sijn sloep te water settede, maar talmde soo lange sonder af te steeken dat hij relatant genoodsaakt wierd, dewijl hij nog ge „duurig sogt hem relatant van agteren, op te komen, hem de breede zeijde te draaijen; geevende hem toe ses schooten te gelijk in sijn huijt, daar hij opstond agter uijt op deijnsden en sond met eene sijne Hloep naar hem relatant toe, in welke sloep 7 a 8 persoonen waren, waar van d'eene een partij papieren Vertoonde mogelijk door haar geschreeven als op die voor geen passekonde er„ „kennen, berigtende verders dat zij passagiers waren door de Capt:n vant schip naar hem relatant gesonden, en dat hij wel hondert en twintig passagiers aanboord hadde soo dat hij met 't zee„ „vaarend volk wel 200. mansterk was dat hij relatant naar dat bekomen berigt drie man met de sloep weer te rug heeft gesonden om den Capt„n af te halen met ordre dat hij beedere papie„ „ren soude brengen en vertoonen, - Verstaende „
English
63 From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. understanding meanwhile from the 5 other persons whom he, the deponent, had kept on board, that they had sailed from port a port 42 days ago and intended to go to Rio de tanerio on the coast of Brazil; the sloop with the Captain and a few more passengers coming on board with him, the deponent, towards midday, which Captain he, the deponent, closely questioned about a pass or sea-letter, but that Captain, who was as drunk as a beast, showed or gave no other paper than a booklet which was the invoice of the ship's cargo; asking him subsequently why he had shown a Prince's flag, to which he, being very drunk, replied defectively, saying that he had had two other ships with him which had become separated from him, and that the Prince's flag was the signal of recognition, and that the Portuguese had a custom of first showing a foreign flag and after that their own flag; he, the deponent, being informed thereafter by the passengers that that Captain From Cape of Good Hope, dated 8 February 1734. Captain was drunk every day and that he had performed more strange antics, but that their mate and boatswain were worthy men who would give better information than their drunken Captain; upon which he, the deponent, sent the sloop with 2 men to that ship to fetch that mate and boatswain, keeping the rest on board, being the said Captain, three passengers, and 5 commoners, also placing sentries at all the hatches to prevent them from spying on everything down below; that in the afternoon at the 8th glass, the aforementioned sloop having returned to him, the deponent, with the said mate and boatswain, those two persons gave him, the deponent, upon his questioning, the same answer regarding their voyage and the showing of the Prince's flag as the Captain had given him, adding thereto that their Captain was drunk every day and then acted just as he pleased, and that they therefore dearly wished that the voyage were already 65 From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. already completed; that he, the deponent, subsequently further asked them whether they had no other passes, to which they answered that those passes were good and that they never received passes with seals hanging from them, which he, the deponent, had to believe, the more so since he had no one in the ship who could read Portuguese; and after he, the deponent, had once more interrogated them in the presence of all his officers and could perceive nothing other than that they agreed well in everything, he, the deponent, resolved thereupon to send them all back together to their ship, as he also immediately did, under strict orders that as soon as they arrived on their vessel, they were at once to sheer off from him, the deponent, and that if they did not comply with this, he would attack them the next day as pirates and sink them, which the mate especially promised to fulfill; he, the deponent, having From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. in the afternoon caused a sailor of that ship, who had come on board with the Captain to act as interpreter and had said he could speak Dutch, because he nevertheless would not speak Dutch, to be laid down on the half-deck on the grating of the main hatch and subsequently to be beaten a little with an end of rope, over and above which he, the deponent, in order to make him speak, also had a rope put around his head and threatened, although not intending to do so, that he would have it twisted tight if he did not speak Dutch. Lastly, he, the deponent, testifies that that ship, which was mounted with 22 guns, was named Senora prasida, the Captain Emanuel Goudinje, the mate Emmanuel Gommes Vargaf, and the boatswain Domas Sneto. (below stood:) Thus passed at Cape of Good Hope the 8th of January 1734. (was signed:) Ir Hockeling (lower:) In my presence (signed) 67 From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. P:r de Grandpreez secretary. (in the margin:) As commissioners (and signed:) Brand, H:r Tulbagh. (below stood:) Agrees (was signed:) N:s leij, First Sworn Clerk. Copy Report given at the requisition of the Independent Fiscal, Master Daniel van den Henghel, by Jan Zeebeek and Hendrik Muller, as mates appointed to the present ship van Alssem, regarding the loss of the ship Blijdorp, being of the following content: That on the 7th of August 1733, having at midday the estimated north-east latitude of 16 degrees 17 minutes and longitude 354 degrees and 52 minutes, the aforementioned ship van Alssem, on which Ian Hockeling is appointed as pennant-bearer, sailing together with Blydorp From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. Blijdorp and Haaften on the port tack with starboard tacks hauled, the course 2 points from the wind west, at night at the 2nd glass in the first watch, the aforementioned ship Blijdorp, which was sailing to leeward, made a signal of land or shallows, to which they made the counter-signal and immediately turned before the wind with the bow to the north, which course they continued to hold all night, seeing, as soon as they had turned and sailed past the aforementioned ship Blydorp, breakers in front of it and all around, and then also sounded 8 fathoms, foul ground. That on the 8th, early in the morning, they of the Company saw that ship Blijdorp with all its sails, as far as they could see, furled, and with all its masts and topmasts aloft in a good state, without however being able to see how it was oriented, lying from them to the south, and the wind was then west and north-west by west, a very light topgallant breeze; and because they were still too close to the breakers and had a lee shore
Dutch transcription
63 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. verstaande onder dies vande 5. andere persoonen die hij relatant aanboord hadde gehouden, dat sij lieden over 42. dagen van port a port waaren gezeijlt ende wil hadden naar Rio de tanerio op de kust van Brazil, komende tegens den middag de sloep met de Capt=n en nog eenige passagiert bij hem relatant aan boord, welke Cap=n hij relatant naauwkeurig ondervroeg naar pas of te zeebrief dog dien Capt=n die Soo dronken als een beest was toonde of gaf geen ander papier als een boek„ „je 't welk de factuur van de lading van't schip was; vraagende hem vervolgens waarom hij een prinse vlag hadde getoont daar hij als seer dronken sijnde gebreekelijk op antwoor„ „dende, seijde dat hij nog twee scheepen bij hem hadde gehad, die van hem waren afgeraakt en dat de prinse vlag 't zeijn van erkenning was en dat de portugeesen voor een gewoonte hadden eerst een vreemde en daar na hun eijgen vlag te toonen, werdende hij relatien daar naar vande passagiers berigt dat dien Cart=n Van Cabo de goede hoop onder dato 8:' feb: 1734. Capt=n alle dagen dronken was en dat hij al meer figuuren had uijtgeregt, dog dat haar lieden Stuurman en bootsman braave menschen waren, die beetere Con„ „derrigting dan hunne dronken Cap=n souden geeven; op 't welke hij relatant de sloep met 2. man naar dat schip sond om dien stuurman en bootsman af te haalen, houdende de overige aanboord, sijnde den gesegden Capt=n, drie passa„ „giers en 5. gemeene Settende meede schiltwagten bij alle deluijken, om te beletten dat sij niet om laag alles sou„ „den gaan verspieden; — dat 's namiddags met 't 8 glas meer„ „gem: sloep met den gedagten Stuur„ „man en bootsman, bij hem relatant sijnde terug gekomen, die twee persoonen hem relatant op sijn afvraaging 't selfde antwoord gaven wegens hun reijse en't vertoonen van prinse vlag als den Cap:n hem gegeven hadde, voegende daar bij dat hun Cap:n alle dagen dron„ „ken was en als dan ageerde gelijk 't hem beliefde en dat zij lieden derhal„ „ven wel wenschten dat de reijse al 65 Van Cabo de goede hoop onder dato 1'feb: 1734. al volbragt was, dat hij relatant haar vervolgens nog heeft afgevraagt of Te geen andere passen hadden antwoor„ „dende sij lieden daar op, dat die pas„ „sen goed waren en dat sij lieden nooijt passen met zeegels daar aan hangende kreegen, 't welk hij relatant moest geloo„ „ven, te meer dewijl niemand in het schip hadde die portugees konde leesen en naar dat hij relatant deselve in't bijweesen van alle Sijne officieren nogmaals hadde ondervraagt en niet anders konde bemerken als dat zij lieden in alles wel over een quamen wierd hij relatant daar op wansints om haar al te sa„ „„men weer naar hun schip te senden„ soo als ook aanstonds deed, onderscherpe ordre van soo draa op hunnen bodem waren aangekomen, ten eersten van hem relatant af te leggen, en dat bij aldien zij lieden sulx niet naquamen, dat hij haar lieden desanderen daags als zeeroovers soude aan doen en inde grond schieten, 't welk den stuurman voornamentlijk beloofde te sullen naarkomen, hebbende hij relatant es C Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. des namiddags een mattroos van dat schip die met den Cap=n aan syn boord was gekomen om voortolk te ageeren en Seijden neederduijts te konnen spreeken, omdat des niet te min geen neverduijts woude spreeken op 't halve dek op de rooster vant groote luijk doen nederleggen en vervolgens met een endze touw wat laten slaan, boven en behalven dat hij relatant dien mattroos om hem te doen spreeken ook een touw om te Cop heeft laten doen en gedreijgt schoon des niet vansints sinde dat hij deselve soude laaten toedraagen soo hij geen nederduijts sprak. Den laatsten betuijgt hij relatant dat dat schip 't welk gemonteert was met 22. Stucken was genaamt Senora prasida den Cap:n Emanuel Goudinje den stuurman Emmanuel Gommes Vargaf en den bootsman Domas Sneto (:onderstond:) aldus gepasseert aan Cabo de Goede hoop den 8:'e Januari 1734 (:was getekent:/ Ir Hockeling /lager) mij present (geteekent G 67 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' fbr: 1734. P=r de Grandpreez secret.:s /:in mar„ „gine/ als gecommitt=s /:en geteekend:/ e H=r Tulbagh /:onder„ Brand, stond) Accordeert /:was getekent:/ N=s leij E. G Clercq. Copia Berigt gegeven ter Requisitie van den heer Inde„ „pendent fiscaal m:r daniel Van den Henghel, door Jan Zeebeek en hendrik Muller als stuurlieden op 't aan„ „weesend schip van Als„ sem bescheijden, wegens 'tblijven van't schip Blijdorp, sijnde van de vol„ „gende inhoud. Dat op den 7:' augustus 1733. hebbende gehad op den middag de gegiste N. o breed van 16 gr.: 17. m: en lengte 354 gr en 52. m. zeijlende voorn: schip van Alssem daer op als wimpelvoerder is bescheijden Ian Hockeling, mitsgrs blydorp Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. Blijdorp en Haaften over bakboords zijde met Stuurboords hals toe, de Coers 2. endel wind w=t des nagts met t glas in de eerste wagt, voorn: Schip Blijdorp dat aen leij seijlde seijn heeft gedaen van land of te droogtens, daar sij lieden 't Contra Seijn hebben gedaan en aanstonds voor de wind om gewend met de Cop om de Noord, welke Coers sij lieden den heelen nagt hebben blyven houden, siende soo als gewend waaren en voormt schip Blydorp voorbij zeijlden voor't selve en rondsom branding, en lodden toen ook 8. v=m Stek grond. dat sij lieden den 8:' des morgens vroeg van de Compagnie dat schip blijdorp sagen met alle syne Zeylen voor soo veel als kon„ „den sien digt, en met alle sijne masten en stengen om hoog in een goeden staat son„ „der egter te kunnen sien hoe dat 't uijtge„ „strekt lag, leggende van haar int Z. , en / was de wind als toen W:' en N: W=t t: W=t labberenslappe bramtzeijls Coelte, en Vermits dat si lieden nog te na aan de branding waaren en een lager wal hadden
English
they did, and therefore did not dare to drop anchor there, but towards midday, being thrown more and more towards the shore by stiff currents and high swells, they had to come to anchor at 14½ fathoms on foul ground about ¼ mile from the ship Haaften, being able at that time to see the Company ship Blijdorp in the water and clearly see it lying from the topmast, by their estimate 4 to 4½ miles from them, with all its sails furled and its spars in good condition, so that they thought it was lying at anchor, and they consequently remained at anchor there the whole afternoon without sending the boat to Haaften, a meeting having also been held on their ship that afternoon, without them knowing, however, what was resolved therein, as no third watch was called to it. From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. That they, getting a squall over land from an easterly direction at that place during the night, mixed with thunder and lightning, went under sail. Seeing From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. Seeing the next day, being the 9th, the ship Haaften far ahead at sea, the wind then being a gentle breeze to calm, and they tacked the course westward to reach deeper water, and they subsequently did not see that ship Blijdorp anymore or hear anything from it. — That on the 11th of that month of August they hailed the ship Haaften, Captain Adriaen van der Graef, and at that time there was indeed spoken between him and their captain, Jan Hockeling, about Blijdorp, but that they do not know what those two captains said to each other. — Finally, the declarants testify that when they lay at anchor on the 8th of August, there would at that time indeed have been an opportunity to send a boat or launch to the aforementioned ship Blijdorp, which had continuously fired distress shots the night before, if one had been assured that the weather would have remained as From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. — as it was then. /:below stood:/ Thus executed at Cape of Good Hope on the 8th of January 1734. /:was signed:/ Jan Zeebeek, Hendrik Mulder /:below in my presence /:signed:/ J. de Grandpreez, Secretary /:in the margin As commissioners /:and signed:/ C. Brand, R. Tulbagh /:below stood:/ Agrees, N. Ley, First Sworn Clerk. (signed) Copy Appeared before us, the undersigned commissioners from the Honorable Worshipful Council of Justice of this government, Isak Souman of Amsterdam, as chief surgeon appointed to the present ship van Alsem, of competent age, who, at the requisition of the Independent Fiscal, Master Daniel van den Henghel, declared to be true: — That in the beginning of the voyage on the aforementioned ship van Alsem, there being about twenty sick persons, he, the appearer, requested the captain of that vessel, Jan Hockeling, for a sick attendant From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. attendant or someone who would look after the sick, to which that captain answered him, the appearer, that his second mates could do so, as well as carry away the buckets and other filth. He, the appearer, answering to that statement that he did not want to order his second mates to do so, all the more because his instructions state that from each watch one of the sick persons who was best able to do it would have to be taken to look after the sick; it also happening then, while they were having the midday meal, that that captain had the third mate come up, which third mate he had beaten with a rope's end and that without reason, after which he, van Hockeling, gave that third mate a small bowl of soup for the sick. — That he, the appearer, during the voyage frequently requested that captain Hockeling for wine, brandy, oil, spices, water for decoction, and all other necessities that were required for the refreshment and healing of the sick, From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. and were given in abundance by the Lords Directors, all of which that captain Hockeling, although scurvy already began to spread strongly among the crew, always refused in a rude manner, having had at best one jug of brandy for the sick on the voyage; however, about fourteen days before they arrived at this roadstead, he, the appearer, received an anker of brandy, of which he used about half for about thirty-two persons, which brandy he nevertheless did not receive for the sick, but they took it from their ration in stock and also had it written off from that. That he, the appearer, because that captain Jan Hockeling refused him everything, had to omit many medications, purges, and other necessities, both of oil and otherwise, which were highly required for the sick, and could not properly assist the sick with them, whereby From Cape of Good Hope under date 1 February 1734. whereby it happened that he, the appearer, instead of being able to dress the sick three times a day and more when it was required, he, the appearer, could hardly dress and care for those sick once a day, so that the sick thereby probably worsened instead of improving. — That he, the appearer, having used all the ointments that he had on a quartermaster who had a severe accident called [illegible] over his entire left buttock, subsequently requested the captain, van Hockeling, for a jug of oil to make new ointments, which oil that captain also refused him, the appearer, several times, which took place in the presence of the bookkeeper of the ship and several other persons; he, the deponent, then being offered by the crew of the mess to which that quartermaster belonged all the oil from their ration, which he, the appearer, could not use, as that quartermaster died the following day constantly in
Dutch transcription
hadden, dorsten daarom daar ten anker niet komen, dog tegens den mid„ „dag hoe langer, hoe meer doorstelte en hooge deijning naar de wal gegooijt werdende, moesten sij lieden ten anker komen op 14½ v=m stek grond omtrent ¼ mijl van't schip haaften, konnende als. doen 't schip blijdorp van de Compagnie sien wateren en van de steng, duijdelijk sien leggen naar gedagten 4 a 4½. mijl van haar met alle sijne zeijlen toe en sijne rondhouten in een goeden staat, sulx dat Sij lieden dagten dat 't selve ten anker lag, en bleeven sij lieden vervolgens den heelen agtermiddag daar ten anker leggen, sonder de schuijt naar haaften te senden, sijnde dien agtermiddag ook op hun schip vergadering gehouden, sonder dat sijl: egter weeten wat er daar inne wierd geresolveerd alsoo geen derdewaak daar bij geroepen word. Van Cabo de goede hoop onder dato 1. ' feb: 1734. dat sij lieden daar ter plaatse des nagts een Travaat over land uijt een Oostelijken hand krijgende, gemengt met donder en blixem zijlieden onder zeijl gingen Siende Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. siende des anderen daags synde geweest den 9' 't schip haaften een groot stuk voor uijt in zee, weesende 't windje als toen, C=ten labbercenstil, en boegden de Coers om de west om dieper water te loopen, hebbende zijlieden naderhand dat schip blydorp niet meer gesien ofte iets van hem gehoord. — dat sij lieden den 11:e dier maend augus„ „tus 't schip haaften schipper Adriaen van der Graef hebben gepraaijt, en wierd als toen tusschen hem en hunne schipper Ian Hockeling van blijdorp wel gesproo„ „ken dog dat sij lieden niet en weeten wat die twee schippers met den anderen hebben gesprooken. — Eijndelijk betuijgende relatanten dat toen zijl: op den 8' augustus ten anker lagen ter dier tijd welgelegentheijd soude syn geweest om eenschuijt of bood naar gem: schip blydorp, dat 's nagts bevoorens Continueelijk nood schooten hadde gedaen tesenden, bij aldien men verseekert was geweest, dat 't weer soude syn gebleeven soo - 7 Van Cabo de goede hoop onder dato 1' feb: 1734. — Soo als 't toen was. /:onderstond:) Aldus gepasseert aan Cabo de goede Hoop den 8:e Januarij 1734. /:was geteekent/ Ian Zeebeek, Hendrik Mulder /:lager mij present /:geteekent:/ =r de Grand„ preez Secret /:in mangine Als ge „committeerdens (:en geteekent) C: brand R: Tulbagh /:onderstond) Accordeert N=s leij E. G Clercq. (getekent) Copia Compareerde voor ons ondergetekende gecomm:s uijt den E. agtb: Raad van Jus„ „titie deeses gouvernements Isak souman een van amsterdam als opperm=t op 't aanwee„ send schip van Alssem bescheijden, van Competenten ouderdom, dewelke ter requi„ „sitie van den Heer Independent fiscaal M:r Daniel van den Henghee, verclaarde hoe waar is.— Dat in't begin van de rheijse op voorn: schip van Alssem sig omtrent in de twintig sieken bevindende, hij Comp=t den schipper van dien bodem Ian Hoc„ „keling, daar om versogt om een Sieke Vader Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. vader ofte Imand die op de sieken soude passen, daar dien schipper hem Comp:s op antwoorde dat syne onderm=r sulx konden doen mitsgrs. de putsen en andere vuijligheeden weg draagen. antwoordende hij Comp:t op dat gesegde dat hij sijne onderm: sulx niet woude ordonneeren te meer dewijl sijne Instruc„ „tie luid, dat men van jder quartier een van de sieken die 't best konde doen soude moeten neemen om de sieken op te passen; gebeurende ook als toen terwijl zijl: 't middagmaal hielden dat dien schipper den derdem: boven liet komen, welke derdem: hij met een Endje touw liet slaan en dat sonder reedenen, waar naar hij van Hockeling dienderdem: een Commetje s op gaf voor de sieken. — Dat hij Compts geduurende de rheijse dienschipper Hockeling menigmael heeft versogt, om wijn, brandewijn, olie specerijen water tot decoctum en alle andere noodwendigheeden die tot verquicking en geneesing versieken vereijscht 1 73. Van Cabo de goede hoop onder dato 1. feb: 174. vereijscht wierden en door de heeren Majores in overvloed gegeeven worden, alle 't welke dienschipper Hockeling schoon: de scheurbuijk reets sterk onder't volk inswang begon te gaan, altoos op een brutaale wijse heeft geweijgert hebbende op de rheijse voor de sieken op zijn besteenkan brandewijn gehad, dog omtrent veerthien daagen voor dat ter deeser rheede quaamen kreeg hij Comp=t een anker brandewijn waar van omtrent de helfte heeft gebruijkt voor omtrent twee en dertig persoonen, welke brande „wijn hij nogtans niet voor de sieken kreeg, maar van haar randsoen in voorraad namen ook daar uijt liet afschrijven. Dat hij Comp: door dien schipper Jan Hockeling hem alles weijgerde veel medicamenten suijveringe en andere noodwendigheeden soo van Olie als andersints die voor de sieken ten hoog„ „sten vereijscht wierden heeft moeten nalaten ende sieken daar meede niet na behooren kunnen te hulp koomen waar . E Van Cabo de goede hoop onder datop: feb: 1734. waardoor't gebeurt. is dat hij Comp=t de sieken insteede van driemaal des daags en meer w:anneer 't vereijscht wierd te kunnen verbinden hij Comp=s diesieken naauwlijx eensdaags heeft kunnen verbinden en besorgen sulx dat de sieken daardoor waarscheijn„ „lijk insteede te beeteren; vergden. — Dat hij Comp:t alle desalven die hij Comp:t had g'emploijeert hebbende op een quartier m:t die een swaar accident Aplasulus gen: over zyn geheele linker/ bil hadde vervolgens den schipper van Hockeling, om een kan olie heeft versogt om nieuwe Salven te maaken welke olie dien schipr hem Compts meede weij¬ „gerde verscheijde reijse Jan de sulx geschiet in't bijweesen van de boekhouder van't schip en meer andere Persoo„ „nen; werdende hem depos=t als toen, door 't volk van de bak daardien quarc„ „tierm:r aan al de olie van haar rand„ „soen aangebodden, die hij Comp=s niet heeft kunnen gebruijken alsoo dien quartierm daags daar aan geduurig in
English
75. From Cape of Good Hope under date 1st February 1734. fainted, and died the following day. That the late chief mate of that ship, Ian Sieman, who, after he had been demoted to ordinary sailor, had sat in irons first near the cabin and afterwards near the galley on the main hatchway, having at one time, after a ship's council had been held in which he had appeared, been brought to the poop deck because he was very sick, and having there been locked in irons again in rain and wind, he, the appearer, asked the skipper Hockeling whether that man, who lay in a very miserable state with the scurvy, was to lie there in rain and wind, dew and open air without being able to shelter himself under a tent or anything else, but lie there so exposed, to which that skipper answered: let that scoundrel lie there, he has deserved no better; that chief mate having been released from the irons only one day before his death, about an hour after the comforter of the sick had undertaken to speak to the skipper about it. From Cape of Good Hope under date 1st February 1734. 4 Declaring nothing further, the deponent gives as reasons for his knowledge as stated in the text, offering to confirm his deposition with an oath if required. Beneath was written: Thus done at Cape of Good Hope the 9th January 1734. Was signed: Isaac Goumain. Lower: In my presence, was signed: J:s de Grandpreez secretary. In the margin: As commissioners, and signed: C:l Brand, Moller. Beneath was written: Concurs. Was signed: N:s leij First Sworn Clerk. Copy Appeared before us, the undersigned commissioners from the Honorable Worshipful Council of Justice of this Government, Samuel Damin of Nimweegen, stationed as bookkeeper on the present ship van Alssem, of competent age, who, at the requisition of the Independent Fiscal, Mr. Daniel van den Henghel, declared it to be true: 77 From Cape of Good Hope under date 1st February 1734. That the chief surgeon of the aforementioned ship, on the voyage, in his, the appearer's, presence, several times asked the skipper Ian Hockeling for various necessities for the sick, which the skipper Hoekeling continuously refused, and particularly oil, which the chief surgeon asked of him to make ointment for a quartermaster who was afflicted with a severe accident, so much so that the messmates of the mess to which that quartermaster was assigned offered their ration of oil to the chief surgeon; that skipper Hockeling, whenever he turned down the chief surgeon's request, habitually using this expression: do you think that I have a ship full for the sick or nutmegs on my arse for them. That the former chief mate of that vessel, Ian Sieman, after he had been demoted to sailor, had to take his turn at the helm; which chief mate was afterwards, upon further complaints, put into irons below on or near From Cape of Good Hope under date 1st February 1734. near the main hatchway, from where some time later, upon the signal given by the provost that his handcuffs were tight, by order of that skipper, Ian Hockeling, he was brought to the poop deck, being at that time sick with scurvy; that while that chief mate lay there on the poop deck in irons for a considerable time in rain and wind, he had nothing, whether of tent cloth or otherwise, to cover himself from the inclemency of the weather, and although the chief surgeon asked that skipper from time to time that that chief mate could not lie there, that skipper nevertheless let that man lie there in that place, giving to those who spoke to him on behalf of that chief mate no other answer than: let that scoundrel lie there, he has deserved no better; which chief mate, on an afternoon after the master of poultry had reported to skipper Hockeling that he was very bad, was brought from the poop deck to the front of the cabin, where From Cape of Good Hope under date 1st February 1734. No. 1 where he died that night. Declaring nothing further, the deponent gives as reasons for his knowledge as stated in the text, offering to confirm his deposition with a solemn oath if requested. Beneath was written: Thus done at Cape of Good Hope the 11th January 1734. Was signed: Samuel Damin. Lower: In my presence, signed: P:s de Grandpreez secretary. In the margin: As commissioners, and signed: Brand, J:s Moller. Beneath was written: Concurs. Was signed: N:s leij First Sworn Clerk. Copy Appeared before us, the undersigned commissioners from the Honorable Worshipful Council of Justice of this Government, Cornelis Lots of Amsterdam, stationed as comforter of the sick on the present ship van Alssem, of competent age, who, at the requisition of the Independent Fiscal, Mr. Daniel van den Henghel, declared it to be true: That
Dutch transcription
75. Van Cabo de goeder hoop onder dato 1:' feb: 1734. in flaauw te viel en den volgenden dag stierf. Dat wijlen den opperstuurman van dat schip Ian Sieman, die naar dat tot mat„ „troos gedeporteert was geworden eerst bij de Cajuijt en daar naar bij de Combuijs op 't groot Luyk in de boeijen had geseeten op eenen tijd naar dat scheepsraad was gehouden daar in hij was verschee„ „nen op de Compagnie geleijd werdende, omdat seer ziekelijk was en daar weer in reegen en wind inde boeijen geslooten geworden zijnde, heeft hij Comp: den schipper Hockeling afgevraagt of dien man die seer helendig aan de scheurbuyk lag daar so soude leggen in reegen en wint, daauw en lugt sonder onder een Sent ofte iets anders sig te kunnen bergen, maar daar soo bloot leggen, daar dien schipper op antwoorde laat dieschoelie daar leggen, hij heeft niet, beeter ver„ „dient, sijnde dien opperstuurman maar eendag voor zijn dooden omtrent een uur naar dat de krankbesoeker aangenoomen had den schipper van te Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1739. 4 te spreeken, uijt de boeijen ontslooten. Anders niet verclaarende geeft den deposant voor reedenen van weetenschap als inden text met presentatie sijn gede„ „poseerde des vereijscht werdende met eede te Sullen bevestigen. /:onderstond:) Aldus gepasseert aan Cabo de goede hoop den 9' Januarij: 1734. /: was geteekent:/ Isaac Goumain /:lager./ mij present /:was geteekent:/ I:s de Grantpreez secret:s /:in margine:) als gecommitt:s /:en geteekent:/ C:l Brand, Moller: onderstond:/ Accordeert /:was geteekent:/ E leij E. G: Clercq. Copia de Compareerde voor ons ondergeteek: gecommitteerdens uijt den E. Agtb: Raad van Justitie deeses Gouvernements Samuel Damin van Nimweegen als boekhouder op 't aanweesend schip van Alssem bescheyden van Competenten ouderdom, dewelke ter requisitie van den heer Independent fiscaal M:r Daniel van den Henghel verklaarde hoe waar is. dat. - 77 1734 Van Cabo de goede hoop onder dato 1 den oppermeester van eevengen Dat schip, op de reijse, den schipper Ian vertockeling verscheijde reijsen in sijn Comp:s bijweesen om deese In geene noodwendigheeden voor de sieken heeft afgevraagt die dien schipper hoekeling geduurig weijgerde, en wel voor„ „namentlijk olie, die den oppermt hem af„ „vroeg om zalf te maaken voor een quar„ „tierm=r welke met een Swaar accitent behebt was dermaten dat 't volk van de bak daardien quartierm:r aen bescheijden„ was, hunne randsoen van Olie aan den Op„ „perm:t hebben aengebooden gebruijkende dien schipper hockeling wanneer hij den op„ ot „permeester Sin versoek afsloeg doorgaans deese Expressie meenje dat ik een schip vol voor de sieken heb ofte noot muskaat aan mijn gat voor haar Dat den geweesene opperstuurman van dien bodem Ian Sieman, naar datwas gedeporteert geworden tot mattroos, den selven syn roer gang heeft moeten waarneemen, welken opperstuurman daar naar op nadere Klagten in de boe„ „rijen is geset geworden om laag op ofte bij „ . Van Cabo de goede hoop onder dato 1 feb: 1734. bij 't groot luijk van waar hij eenigen tijd daar naar op 't tekennen geeven van den provoost dat sijne handboeijens steeckend waaren ter ordre van dien schipper, Ian Stockeling op de Compagnie is gebragt ge„ „worden sijnde, als toen: aan de scheur„ „buijk, siekelijk dat Terwijl dien opper„ „stuurman daar op de Compagnie een geruijmen tijd inde boegen geleegen heeft in reegen: en wint, denselven niets gehad heeft 't zij van Tent zeijl als andersints om sig voor de injurie van de lugt te kunnen bedeeken, en pf schoon den ooror „permeester dien schipper (: nu en dan vroe dat dien opperstuurmin daer niet konde leggen, heeft hij schipper dien men des niet tegenstaende daer ter plaetse soo laaten leggen, geevende pandie geen die hem voordien opperstuurm:t aansprak geen ander andwoort als laat die schoelje daar leggen, hij heeft niet beeter verdient, welken opperstuurman op een agtermid„ „dag naar dat de pluijmgraaf den schipper hockeling hadde berigt gedaan dat den selven seer slegt was van de Campanje voor de Cajuijt is gebragt geworden, alwaar J Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' N: 1 alwaar denselven dien nagt is gestorven Anders niet verclaarende geeft den dipo„ „sant voor reedenen van weetenschap als in den Text met presentatie sijn gedeposeer„ „de des gerequireert wordende met solem „neele Eede te sullen bevestigen /:onderstond:/ Aldus gepasseert aan Cabo de goede hoop den 11:' Jan:ij: 1734: /:was getekent:) Samuel Damin /:lager:/ mij present /:geteekent:/ P:s de Grandpreez secret=s /:in margine:/ Als gecommitteerdens /: en geteekent Brand, I:s moller (onderstond:/ Accordeert /:was getekent:/ N=s leij E. G Clercq. de Compareerde voor ons ondergeteek:t gecommitteerdens uijt den E. Agtb: raad van Iustitie deeses gouvernements Cornelis Lots van Amsterdam als Krankbesoe„ „ker op 't aanweesend schip van Alssem be„ „scheijden van Competenten ouderdom dewelke ter requisitie van den heer Independent fiscael M=r Daniel van den Henghel verclaerde hoe waar is. Copia dat
English
That he, the appearer, on the voyage heard the head surgeon of the aforementioned vessel ask the captain Jan Hockeling on two different occasions for various necessities for the sick, and particularly for oil to make salve for a quartermaster who had suffered a severe accident, which and other things the said captain Hockeling refused the head surgeon, saying once to him, do you think that I have a shipload of it, or that I have nutmeg on my arse, with the messmates of that quartermaster also having offered their ration of oil to the head surgeon to make salve. From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. That the former first mate of the vessel, Tieman, after he had been demoted to ordinary seaman, was put in irons between decks near the main hatch, from where, after some time lying there, on the word of the provost that his handcuffs were always broken, he was placed on the poop deck, as he was already sickly at that time; in which place the mate also in irons. 1 From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. in irons under the open sky without any shelter from the weather, rain, or wind, lay miserably, just as he, the deponent, saw several times when he went to that first mate, it having also happened once that he, the appearer, having looked upon this with pity, said to that captain Hockeling while sitting at table, that man sits there miserably, to which Hockeling replied, let him lie there, that scoundrel is worth no better, and that first mate was brought one afternoon from the poop deck to the front of the cabin, where he died during the night. Lastly, he, the deponent, declares that once, speaking with the bookkeeper and head surgeon of the ship about the miserable state of the first mate, he, the appearer, undertook to speak to the captain Hockeling about it, but that upon further reflection he, the appearer, omitted to do so, because he had previously addressed that captain Hockeling about various matters without being able to gain a hearing from him. Otherwise - From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. Declaring nothing further, the appearer gives as reasons for his knowledge as stated in the text, offering to confirm his deposition with a solemn oath if required. Was subscribed: Thus done at the Cape of Good Hope, 11 January 1734. Was signed: J. de Grandpreez, secretary. In the margin: As commissioners, and signed: C. Brand, J. Moller. Was subscribed: Agrees. Was signed: A. Leij, clerk. Copy. Today, 14 January 1734. Appeared before me, Josephus de Grandpreez, secretary of the Honorable Court of Justice of this government, in the presence of the witnesses to be named hereafter, Arnoldus de Vogel, boatswain; Jan Jansen Nieuket, boatswain's mate; Pieter Schermbeek, gunner; Jan Bijlwerf, steward; Cornelis de Nijs, gunner's mate; Jan Matthijs Simonsz and Andreas Scholts, trumpeters; as well as Frans Hendrik Roelofse, lance-corporal, all serving in those capacities on the 83. From Cape of Good Hope, dated 1 February 1739. ship Alssem lying in the roads, of competent age, who, at the requisition of the captain of that vessel, Jan Hockeling, declare it to be the absolute truth: That they, the deponents, have on the voyage several times seen the head surgeon of the aforementioned ship Alssem, named Isak Doumain, dead drunk, even when according to his duty he went to the sick to attend to them, just as the first and second appearers saw the same head surgeon, when he came under the forecastle, whether to see the deceased boatswain Sijmon Oog or the second appearer, who were sickly, incapacitated by drunkenness to perform his duties, indeed to such a degree that he had to relieve himself right there, having also sometimes not come to look after them for two or three days. The fourth appearer, Jan Bijlwerf, declares that on the voyage it also happened several times that when that From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. head surgeon Isak Doumain came to him, the deponent, to fetch brandy for the sick, he said to him, the appearer, I have already had permission from the captain for this for three days; which the sixth deponent, Jan Matthijs Simonsz, declares he also heard from the mouth of the aforementioned head surgeon. The third deponent, Pieter Schermbeek, testifies that it also happened once on the voyage that the head surgeon Isak Doumain, being drunk, came into the gunner's room after the setting of the watch, where he, getting into an argument with the comforter of the sick, Cornelis Los, subsequently cursed that sick-visitor for everything imaginable, to such an extent that the said Cornelis Los thereupon went upstairs weeping, that head surgeon asking the sick-visitor, as he was about to go upstairs, are you going to complain about me to the captain, to which he replied, do you think I will keep it to myself. And
Dutch transcription
Dat hij Compt op de reijk den: oppermee„ „ster van voorm: bodem twee verscheijde reijsen den schipper Jan Hoikaling, heeft hooren afvraagen om deeseen geene nood„ „wendigheeden voorde sieken en wel voorna„ „mentlijk Olie om zalf: te maaken voor een quartierm=r die met een swaar accedent behebt, was, welke een ander dien schipper hockeling den opperm=r heeft geweijgert seggende eens teegens denselven, meenj dat ik een scheepslading daar van, ofte dat ik nootmuskaat aan mijn gat heb, hebbende ook 't volk pandebak van dien quartiermr hun rantsoen van Olie aan den oppperm om zalf te maaken aangebooden. Van Cabo de goede Hoop onder dato 1:' feb: 1734. dat den geweesene opperstuurmaan van bodem, van Tieman naar dat tot mat„ „troos was gedeporteert geworden, in de boeijen is geset geworden tusschen deks bij 't groot luijk van waar hij naar eenigen tijd leggers op 't seggen van den provoost dat sijne handen boeijens altoos stuckent waaren, naar de Campanje is gelegt geworden, alsoo ter dier tijd reets siekelijk was; ter welker plaatse den stuurman ook in de boeijen. 1 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. boeijen onder den blooten hemel sonder Ceeni„ „ge beschutting voor de lugt reegen ofte wend, ellendiglijk heeft geleegen, soo als hij depo„ „sant sulx verscheijde reijsen heeft gesien wanneer bij dien opperstuurman ging, sijn„ de ook eens gebeurt dat hij Comp:t 't selve met deerins hebbende aengesien, tegens dien schipper hockeling aan Tafel sittende, seijde, dien mansit daar ellendig daar hij hoeke„ „ling op antwoorde laat hem daar leggen die schoelje is niet beeter waard, en is dien opperstuurman op een agtermiddag van de Campanje voor de Cajuijt gebragt daar hij des nagts is gestorven. Den laatsten verclaard hij deposand dat hij eens met den boekhouder en oppermeester van't schip van den ellendigen staat van den opperstuurman spreekende hij Comp:t aan„ „nam den schipper hockeling diesweegens te spreeken, dog dat hij Comp:t bij nader over„ „denking sulx nagelaten heeft, om dat hij dienschipper Hockeling bevoorens over deese en geene saaken hadde aangesproo„ „ken sonder bij hem gehoor te kunnen Krijgen Anders - Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. Anders niet verclaarende geeft den Comp= voor reedenen van weetenschap als in den Text met presentatie sijne gedeposeerde des— gerequireert werdende met solemneelen Eede te Sullen bevestigen /:onderstond:/ Aldus gepasseert aan Cabo de goede loop den 11:' Januarij 1734. /:was getekent:/ J=r de Grandpreez secret=s /:in margine) Als gecommitteerdens /:en geteekent:/ C Brand, J:s moller. /onderstond:/ Accordeert. /:was getekent:/ A=s leij E. G Clercq. Copia Huijden den 14:e Januarij 1734. Compareerden voor mij Josephus de Grandpreez secret:s van den E. Achtb: raad van Justitie deeses Gouvernements, ter pre„ „sentie vande naar tenoemene getuijgen, Arnoldus de Voogel bootsman Ian Jansen Nieuket schieman, Pieter schermbeek Con„ „stabel Jan Bijlwerf bottelier, Cornelis de Nijs Constabels maat, Jan Matthijs Simonsz en Andreas Scholts, Trompetters, mitsgaders frans Hendrik roelofse Landspassaat, alle indie qualiteijten op't ter 83. Van Cabo de goede hoop onder da 1: feb: 1739. ter rheede leggende Schip van Alssem bescheijden van Competenten ouderdom dewelke ter requisitie van den schipper van dienbodem Ian Hockeling verklaar, den de waaragtige waarheijd te sijn.— dat sij deposanten den oppenmeester ƒ van evengen„ schip van Alssem Isak Doumain gen:t op de rheijse verscheijde maalen smoor dronken hebben gesien enselfs wanneer hij volgens sijn pligt bij de sieken ging om die te hulp te komen, gelijk ten eerste en tweede Comp:s densel„ „ven oppermeester wanneer onder de bak „quam, 't zij om naar den overledenen bootsman Sijmon oog, dan welhaar den tweeden Comp: die siekelyk waren tesien, buijtenstaat sagen doordron„ „kenschap om sin beroep te kunnen waar„ „neemen, Ja sodanig dat hij daar ter plaatse sig nog ontlasten moeste, heb„ „bende ook somtijds in geen twee of drie dagen naar haar komen omsien Verklaarende den vierde Comp:e Ian Bijlwerf dat 't ook op de reijse verscheij„ de maalen is gebeurt, dat wanneer dien. Van Cabo de goede hoop onder dato 38:' feb: 1734. Isak Soumain dien oppermeester. bij hem deposant qugm:t om brandewijn voortesieken te haten; denselven teegens. hem Comparant seijde, ik hebal over drie dagen permissie van den Capiteijn, daar toe. gehad, 't welke den sesde deposant Jan # Matthijs Simonsz verklaard ook uijt blem de mond van meergem: oppermeester te hebben gehoord. Betuijgende den derden deposant Pieter Schermbeek, dat 't ook eens op de rheijse is gebeurd, dat den oppermeester Isak Doumain drenken sinde naar besette wagt in de Constapies Camer is P gekomen, alwaar hij met den sieken trooster Cornelis Los woorden krijgende, dien krankbesoeken vervol„ „gens voor alles dat belijk is uijtschold dermaten dat denselver Cornelis Los daar op huijlende na boven ging vraa„ „gende dien oppermeester aan dien krank„ „besoeker soo als na boven wilde gaan, Salje bij den Capt=n over mijn gaan klaagen, daar hij op antwoorde meen ik sal het bij mij houden. en
English
From Cape of Good Hope under date 11 February 1734. Lastly, the appearers jointly declare that they have heard the aforementioned chief surgeon say on various voyages and at diverse times, whenever he was with the sick or came away from them: if they had drink or brandy, they would not be sick. Finally, the fourth, sixth, and seventh appearers, Ian Bijlwerf, Ian Matthijs Simonsz, and Andreas Scholts, must also testify it to be untrue that they ever offered their ration of oil to the aforementioned chief surgeon to make ointment for a quartermaster who belonged to their mess and who had suffered an accident. Declaring nothing further, the deponents give as reasons for their knowledge as in the text, offering to confirm their deposition further under solemn oath if required. Thus passed at Cape of Good Hope, in the presence of the clerks Johannes Henricus Blankenberg and Nicolaas Huijgen Herman as witnesses, who have duly signed the minute hereof along with the appearers and me, the secretary. Below stood: To which I testify. Was signed: Is de Grandpreez, secretary. Below stood: Agrees. Was signed: Ar leij, clerk of the Honourable Company. Copy Report given at the requisition of the Independent Fiscal, Master Daniel van den Henghel, by Evert Kiekeboe, chief mate, Matthijs Diedelofs, second mate, and also Philippus Symontsz and Leendert Houttuijn, third watches on the present ship Haaften, concerning the loss of the ship Blijdorp, being of the following content: That on the seventh of August of the year 1733, having had at noon the estimated north latitude of 16 degrees 17 minutes and longitude 356 degrees and 12 minutes, the ships Van Alssem, carrying the pennant, Haaften, and Blijdorp sailing on the port tack with starboard tacks aboard, the course south and the wind west, during the night at the 7th glass in the first watch, the aforementioned ship Blijdorp, which was sailing to leeward, made a signal for land or shoals, whereupon the two other ships made the answering signal and immediately wore around before the wind, seeing breakers shortly after they had tacked, about two points abaft the beam, sighting thereupon the breakers to the south-east, south-east by east, and east by south of them at about 1/4 mile, and the ship Blijdorp further fired shot upon shot; but that they had to continue sailing close to the wind as much as was possible until five o'clock in the morning, when they tacked with the ship Haaften to the south to see how matters stood with the said ship Blijdorp, seeing shortly after they had tacked the land abeam to leeward to the east-south-east, estimated at two miles from them, without, however, recognizing the land, as there were thoughts of the Salt Islands, and they also saw the ship Blijdorp to the south-south-west of them and the Commander Ian Hockeling, commanding the ship Van Alssem, to the north-north-east. It being seen by them, after it had become broad daylight, that the said ship Blijdorp was aground against the shore, with the head to the east by south, somewhat more southerly, about one large mile from them; that notwithstanding this, the Commander Ian Hockeling, who lay to the north, continued sailing without once looking back, which being observed by the informants' skipper, Van der Graaff, he, Van der Graaff, said that he could not stay alone by the said ship Blijdorp, that he would not put his ship in any danger, that it would also be irresponsible, that he knew what orders he had, and that the Honourable Company's orders entailed that they had to stay with the Commander, whose duty it was to lead them; but they not wishing to turn him, the aforementioned skipper Van der Graaf, although against the will of the informants, and considering that they dared not contradict the orders of the Honourable Company, which he said to be so, they wore around again before the wind to the north at seven o'clock in the forenoon in order to follow the Commander, and then took the bearings of the ship Blijdorp as south by west and south-south-west from them, by eye about a small mile, the wind being north-west, north-west by north, and north-north-west with a common topgallant breeze, clear sky and fair weather, and sounded the depths of 20 fathoms, blue sticky ground, but it becoming calm towards noon, they had to come to anchor at 14 or 15 fathoms, good blue sticky ground, because the high swell gradually cast the ship towards the shore, the Commander also coming to anchor shortly thereafter to the east, 1/2 mile from them. That the chief mate Kiekeboe, or first informant, thereupon asked the skipper Van der Graaff whether they should not lower the boat and row to the Commander to speak about Blijdorp, to which he, Van der Graaff, answered: if the Commander wants to speak to me, he will make a signal, otherwise I do not intend to go on board with him, remaining further dead calm that entire afternoon, but at sunset
Dutch transcription
85: Van Cabo de Goede hoop onder dato 1 1feb: 1734. ten Ten laatsten verclaaren sij Comp=ten ge„ „samentlijk dat zij meergem: oppermeester diverse reijsen en op verscheijde tijden wanneer sig bij de sieken bevond of van haar van daan quam, hebben hooren seggen, haddense drank of brandewyjn sij souden niet siek weesen; moetende eijndelijk den vierde sesde en sevende Comp:e Ian Bijlwerf Ian Matthijs Simonsz: en Andreas Scholts nog betuygen onwaaragtig te weesen dat lieden nooijt ofte ooijt hun rantsoen van oly aan meergem: oppermeester hebben aangebooden, omdaan meede salf te maken voor een quartiermeester die aan haar bak al, en dewelke met een accedent behebt was. Anders niet verklaarende, geevende deposanten voor redenen van Wettenschap als in den Text met presentatie haar ge „deposeerde des gerequireert werdende met zolemneelen Eede nader te sullen gestand doen dat aldus passeerde aan Cabo de goede Loop, ten overstaan van de Clercquen= Johannes Henricus Blankenberg en Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1739. en Nicolaas Huijgen Herman als getuijgen, die de minute deeses benevens de Comparanten ende mij secretaris meede behoorlijk hebben onderteekend /:onderstond:) Twelk ik getuijge /:was geteekent/ I=s de Grandpreez secret:s /:onderstond/ Accor„ „deert /:was getekent:/ A:r leij E E Clercq. Copia ƒ Berigt gegeven ter requisitie van den Heer Ipdependent fiscaal M„r Daniel van den Henghel door Evert Kiekeboe opper„ „stuurman Matthijs diedelofs onder dito mitsgrs: Philippus Symontsz en Leendert Houttuijn derde waken op 't aanweesend Schip haaften, wegens 't blyven van't schip Blijdorp, sijnde van den volgen„ „de inhout Dat op den seevenden Augustus des Jaars 1733. hebbende gehad op den middag de gegiste NB. van 16. gr: 17m: en lengte 356 gr:. en 12:' m:t, zeijlende de scheepen van Alssem wimpelvoerder haaften en blydorp over bakboord met Stuurs boords halsen toe, Van Cabo de goede hoop onder dato 1' fb: 1734. de Coers Z:endewind W=m, des nagts met 't 7:o glas in de eerste wagt voorn schip blijdorp, dat aan leij seijlde seijn heeft gedaen van land ofte droogtens daar de twee andere scheepen 't Contra zeijn op deeden en hals den op stont voor de wind om, siende kort naar dat gewend waaren branding aan bij twee streeken agtelijken als dwars, peijlende daar op ten de branding in't Z: O:t ZO. ten dte en Oxb: van haer omtrent ¼ mijl, en't schip blijdorp deed verders schoot op schoot„ edog dat zij lieden moeten blijven zeijlen bij de wind zo veel als doenelijk was tot vijff uuren inden morgenstond, wanneer met 't schip Haaften om de zuijd hebben gewend, om tesien hoe 't met gedagte schip Blijdorp gelegen was, ziende kort naar dat gewend waren 'tland dwars aan leij in't O:Z: Ot, naar gissing twee mijlen van haar zonder egter 't land te kennen alsoo daar gedagtens waren van de Zoute Eijlanden, en zagen ook 't schip Blijdorp in't Z:t Z:t W=t van haar en den Commandeur Ian Hockeling voeren„ „de 't schip van Alssem in't NNO:t werdende Van Cabo de goede hoop onder dato 1=e feb: 1734. werdende door haarl: naar dat mooij selder dag was geworden gezien dat gen. schip Blijdorp tegens de wal aanzat, met de kop om de O=t ten zuijde iets zuij„ delijker omtrend een groote mijl van haer dat des niet tegenstaende den Comman„ „deur Ian Hockeling die om de noord lag bleef zeijlen zonder eens om te keijken, 'twelk door der relatanten schipper van J der Graaff zijnde gewaar geworden, zeijde hij van der Graaff dat hij alleen bij ged. te schip Blydorp niet konde blyven, dat hij sijn schip in geen gevaar woude stellen, dat 't ook onverandwoordelijk zoude weesen, dat hij wist wat ordres dat hij had, en dat 's EComp:s ordres waren mede brengende van bij den Commandeur te moeten blijven, wiens pligt 't was om haarl: voor te gaan, maar sijl: hem niet willende gem:e schipper vander Graaf, schoon tegens den zen van de relatanten, weer win„ den, ende ten aansien zijlieden de ordres der E Comp: die hij zeijde zo te zyn niet dorsten tegenspreeken, zijn zijl. des voormiddags om seven uuren weder voor de wind om de noord gewent, ten eijnde den Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. den Commandeur te volgen, en peijlden als toen 't schip brijdorp Z: ten W=t en Z: Z:d W=t van haar, naar 't oog omtrend een kleijne mijl, wesende de wind N: W=t O N: W=t C=n N:k en N:t N: W=t met gemeene bramzeijls Coelte, leeder lugt en mooij weer, en looden de dieptens van 20. v:m blaauwe stek grond, dog tegens de middag stil werdende moesten zijl: vermijts de hoge deijnioegen: ten schip Allengskeus naar de wal toe gooijde ten anker komen op 14. ofte 15: vin goede blaauwe stek grond, komende ook kort daar op den Commandeur in't Gt ½ mijr van haar mede ten anker ƒ Dat den opperstuurman Kiekebol ofte eerste relatant daar op den schipper van der Graaff heeft afgevraagt of te zij liedende schuijt niet zouden uijtsetten en naar den Commandeur roeijen om over blydorp te spreeken, daar hij vander Graaff op andwoorde, als den Comman „teur mij spreken wil, hij zal wel zeijn doen / anders meen ik bij hem aanboord niet te komen, blijvende voorts dien gantsche middag doodstel, dog met zons ondergang
English
From Cape of Good Hope, dated 4 February 1734. setting, already a squall overland in the east-north-east, whereupon they prepared to weigh the anchor, but after they had hove in about half a cable, they had to secure it to the bitts, this squall lasting about a full half hour, mixed with thunder, lightning, and torrential rain, and afterwards when it became calm, it continued to rain the entire first part of the night. When after midday the weather cleared up, they saw no light from the Commander, wherefore Captain van der Graaf, thinking that Commander Hockeling had set sail without giving a signal, was of a mind to weigh his anchor, such that after waiting another full hour without seeing a light, they set sail at one o'clock in the night while giving a signal, and shortly thereafter recognized a light from the Commander to the north-east of them, yet being unable to see him set sail; but the following day, the 9th, at daybreak, they saw From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. they saw the aforesaid Commander on the starboard quarter, east by north and east-north-east by estimate about two miles from them, who steered south, whereas they steered west, the wind then being east-south-east and east-south-east, with fine weather and a clear sky; at that time they also saw the ship Blijdorp, south and south by east, by estimate 3½ miles from them, both its topsails and mizzen topsail being loose and the sheets hauled home, with its foresail brailed up; and when Captain van der Graaff thereupon saw that Commander Hockeling shaped his course to the south, he, van der Graaff, said, the devil take it, there he goes again, adding thereto to the mate of the watch, being the 2nd deponent speaking, that he would not follow him; and when the mate replied to him, van der Graaff, that the Commander perhaps wanted to go to the ship Blijdorp, Captain van der Graaf replied with From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. with anger, that it was foolish talk and that the ship was already lost and the crew already dead, and that nothing could be done about it; that after the lapse of [illegible] hours, the Commander beginning to steer the same course as them, Captain Van der Graaff was asked by his mates whether they should not wait for the Commander, and having received yes as an answer, they thereupon lowered their main topsails and set up the main topmast rigging, but the ship not decreasing its speed thereby because it was sailing before the wind, they requested the captain to reduce some headsails, so that the Commander might reach them all the sooner, but he refused to do so, saying that he could easily reach them and they had set up the main topmast rigging, the captain thereupon taking over the watch, it being then the fourth glass of the morning watch; and at the 9th glass they took a bearing of the ship Blydorp in the south-east and south-east by south, by estimate about four miles from From Cape of Good Hope, dated 1 February 1737. from them, it being at noon dead calm and the general course west, distance run 5 miles, whereby they had arrived at the estimated latitude north of 15 degrees 55 minutes, longitude 359 degrees 34 minutes, and in the afternoon at the first glass they took a bearing of the Commander to the east of them, by estimate about ½ mile, Captain Van der Graaff going to his berth at the second glass, after having given orders to the mate of the watch that as soon as a breeze came, he should tack on the best board to choose the open sea and reach deep water. That at the fourth glass of the afternoon watch they heard a shot fired, a small light breeze also springing up at that time, heading with the bow to the east, and the Commander to the west, and shortly after the first shot was fired they heard another, whereupon the mate of the watch, being the 2nd deponent, immediately went aloft and saw through a spyglass the aforementioned ship Blijdorp again, taking a bearing of the same From Cape of Good Hope, dated 1 February 1734. the same by estimate south-east by east, fully as easterly, about 4 and ¼ full miles from them, seeing meanwhile that shots were still being fired from that ship and counted up to five shots; in the meantime they caught a fresh topgallant breeze from the south-south-west and south-west by south, and then shaped their course to the west by north and west-north-west, and at the 5th glass the aforementioned ship Blijdorp could no longer be seen from the top of the main topgallant mast; that at the end of the afternoon watch Captain van der Graaff, coming on deck to drink tea, the mate of the watch, the 2nd deponent in this, then said to him that he had seen and heard firing from the ship Blydorp, which the captain not only refused to believe, but also did not want noted in the logbook, whereupon the mate complained to Mr. Steenmets, adding that they would never be able to justify this, that it was also no Christian deed to
Dutch transcription
Van Cabo de goede hoop onder dato 4:' feb: 1734. ondergang reets een travaat over land in't O:t N=t O=t, waar op zijl: sig gereed maak„ ten om 't anker in te halen, maar dat naar dat omtrend een halve touw ingekregen- hadden, zijl die te beeting moesten: leggen, duurende dese Travaat omtrent een groote halve uur gemengt, met donder blixemen Slagreegen, en in't vervolg wanneer 't stie wierd „ Continueerende 't den gantsche voornagt te regenen. — „der mat naar de middagt 't weer opklaren de Zijl: geen vuur van den Commandeur zagen, waarom ten schipper van der Graaf, denkende dat den Commandeur Hockeling zonder zeijn te doen onder „zeijl was gegaan, van gedagten (wierd zijn anker op te halen, zulx dat zijl: na nog een groote uur wagtens sonder vuur te zien ten een uur inde nagt onderzeijl gingen onder't doen van zeijn, kende kort na dato een vuur. vanden Commandeur in't N:t O=t van haar, kunnende hem egter niet zien on„ der zeijl gaan, maar deveranderen daags den 9:' met 't aanbreeken van den dag Zagen Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. Zagen zijlieden den voorsz Comman„ „deur aanstuuwboord agter uijt O=t h=r N=o en O:t N:t E:t na h:o oog: omtrend twee mijlen van haar die met 't steven om de Zuijd Coers de: daar zijlieden West aan Ceersden, wesende de wind als toen O='t Gt Z: O=t, en d:k Z: E d=o, met mooijs weer en helden lugt, ter dier tijd wierd ook door haarl: gesien 't schip Blijwap. ont Z: en zt=n O=t naar gissing 3½ mijl: van haar, zijnde zijn beijde „mars Zeijls en kruijs Zeijl los ende Schoten voor, mitsgaders zijn fok opgegeijd; en als din schipper vander Graaff daar op dat den Commandeur Hockeling zijn Coers=s om de Z: boegde, zeijde hij vander Graaff, de duijvel is zo niet daar gaat hij weer heen, voegende daar bij tegens den stuurman van de wagt zijnde den 2=de relatant spreekende, dat hij hem niet zoude volgen, en also dienstuurman him van der Graaff daar op te gemoed. voerde dat hij Commandeur misschien naart Schip blijdorp wilde gaan, zo repliceerde hij schipper vander Graaf met Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. met Swaadheijd, dat 't gekke praat was en dat 't schip al weg en het volk al Capot waar, en dat daar bij niet te doen, was, dat naar verloop van uur den Commandeur met haar lieden Cours beginnende te houden, den schipper Van der Graaff van zijne Stuurlieden wierd afgevraagt, of Sijlieden den Commandeur niet wilden in„ „wagten, enja tot andwoord hebbende be„ „komen, hebben zijlieden daar op haar groote manszeijls omlaag gestreeken en't groote stengewand aangezet, dog 't schip daar mede in zijn vaart niet ver„ „minderende omdat 't voordewind was, so versogten zijl: den schipper om wat voorzeijlen te verminderen, om dat dus den Commandeur des te vroeger bij haar lieden mogte komen, dog hij weijgerde zulx zeggende dat hij maekelijk bij haar lieden konde wesen en zijl: 't groote stenge „wand hadden aangeset, nemende den schipper daar op de wagt over zijnde als doen 't vierde glas inde voormiddags wagt;en met 't 9=de glas peijlden zijl. 't schip Blydorp in't Z0=t, enZ: O=t tenz: naar 't oog omtrend vier mijlen van e - Van Cabo de goedehoop onder dato 1:' feb: 1737. van haar, wesende op dien middag dood stil ende Generale Coers west verheijt 5 mijlen, waar, mede men gekomen was op de gegiste NB. van 15. graden 55. min. lengte 359. gr: 34. min:s, en peijlden des naarmiddags met 't eerste glas den Com„ „mandeur in't oosten van haar naar 't oog omtrend ½ mije, gaande den schipper Van der Graaff met 't tweede glas naar aan de Stuurman vande wagt ordre te hebben gegeven van zo dra als er Coelte quam dat den besten boeg zoude voorwenden om zee te kiesen en op diep water te komen, naarkoaij Dat zij lieden met 't vierde glas in de agtermiddags wagt een school hebben horen doen, doende sig ook ter dier tijd een kleijn 2: lugje op, leggende met de steven om d Ioost, en den Commandeur om de West, en kort nadat de eerste schoot was gedaan hoorden zij lieden nog een gaan de daar op den stuurman vante wagt Zijnde den 2:' relatant aanstonds naar boven en zag door een keijker meer gem schip blijdorp wederom, peijlende tzelve :- ƒ Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. 't zelve naar gissing in z d=t ten oosten wel zo oostelijk omtrend 4. en ¼ groote mijlen van haer, ziende onder dies dat van dat schip nog geschoten wierd en telden tot vijff schooten toe, inmiddels Kreegen Zijl: een frissebramseijls Coelte uijt d W Wo 't ZZ: W=t, en Z W=t ten Z„t Z ten voegden als doende Coers om de west, ten wt W=t N=t W=t en met t 5=de glas konde medr„ „gem: schip blijdorp niet meer gesien worden van det op vande grote bram „ „steng, dat met 't afgaan van de agter„ „middags wagt den schipper vander Graaff op 't dik komende om thee te drinken; den stuurman van de wagt den 2=den relatant in desen als toen tegens hem zeyde, dat hij van't schip blydorp hadde zien en hoorenschieten, 'twelk hij schipper niet alleen niet wilde geloven maar wilde ook niet hebben dat zulx in't Journael zoude werden aan„ „getekend, waar op dien stuurman aan de heer Steenmets zijn beklagde de met bijvoeging dat zij lieden zulx nooijt souden konnen verandwoord dat 't ook geen Christen werk was, om ƒ
English
91. From Cabo de goede hoop under date 1st February 1734. to leave the ship Elijdorp under such circumstances as were then the case, the more so because they with an easy conscience could never declare that there had been no opportunity to come to that ship's aid; on which account all the mates addressed the chief mate, Evert Keekedos, who lay sick in his berth in his cabin, in this regard; who thereupon gave them as an answer that they should all together address the skipper, but that it was now too late and approaching night, and that they should wait until the next day in the morning. That toward evening they bore away somewhat toward the Commander, who was estimated to be one and a half miles north-east by east and north-east of them, but that when it grew dark, seeing no light from the Commander, they immediately set their sails close to the wind, steering close-hauled around the north-west; hands west, course north, north-west, south-west, the wind then being west-south-west, south-west, south-west by south, with From Cabo de goede hoop under date 1st February with fine clear weather and calms, which continued thus the entire night, the breeze being continuously westerly. That on the 10th of that month of August at daybreak, they saw the Commander about 3½ miles from them at north-north-east, the chief mate coming out of his cabin onto the deck at the third glass in the morning watch, which chief mate, upon the request and in the presence of the mates and other men, asked the skipper van der Graaff whether they would thus abandon the ship Blijdorp, to which that skipper de Graaff gave as an answer with scornful and mocking words that that was foolish talk, for the ship is already gone and the crew destroyed, that he did not want to put the Honorable Company's vessel in any danger, and that it was the Commander's station to go before him, but that they, not considering this settled, pressed the skipper for so long until they persuaded him at the 4th glass in the morning watch toward the Commander who 97 From Cabo de goede hoop under date 1st February 1734. who was in the north-north-east about 3½ miles from them, to bear away to hail and to hear what he wanted to do, setting for that purpose their sails square before the wind, and ran eastward to come across from the Commander whose head lay to the south; but that after they had borne away toward the Commander for about three glasses, the skipper van der Graaff, against the wish of all the mates, tacked with the head lying to the south, stating that he did not want to be closer to the shore, and that he would wait for the Commander who was still 1½ large miles from them; becoming dead calm at the 8th glass, but in the forenoon at the first glass a squall arose in the north-east with extraordinarily much wind and ran from north by east up to and including south-east by east and lasted the entire forenoon. The next day, having been the 11th August, the wind being north-west to north-east, they discovered at daybreak the Commander on From Cabo de goede hoop under date 1 February 1734. on the starboard side up to windward, which Commander bearing down on them, they waited for him, and being hailed by him at the 6th glass, he asked skipper van der Graaff what thoughts he had of the ship Blijdorp, to which he, de Graaff, answered that there were no other thoughts than that the ship and crew were gone, upon which it was replied by Commander Hoekeling that he also believed such, and further nothing more was spoken of that unfortunate ship, deciding only what further course they should sail. Finally, the deponents declare that not only could one have come closer to that ship Blijdorp, but that one also, humanly speaking and according to all thoughts, could well have brought help, at least to the crew assigned to it; the deponents having yet to add hereto that from the midday of the 7th August 1733, when the dead reckoning From Cabo de goede hoop under date 1st February 1734. latitude was 16 degrees 17 minutes and longitude 356 degrees 12 minutes, until night, when the ship Blijdorp made its signs of land or shallows, they had sailed by estimation south and south in east about 12 miles, and that when they turned north from the ship Blijdorp the next day at 7 o'clock in the forenoon, they estimated that that ship Blijdorp lay at the latitude of 15 degrees 0 minutes, longitude 359 degrees 45 minutes, so that they found themselves 3½ degrees further east than they had estimated; estimating, when they came to anchor that afternoon, that they were at the latitude of 15 degrees 9 minutes and longitude 360 degrees 0 minutes; so that that ship Blijdorp ran aground about 5 to 6 miles below Cabo Verde. Below stood: Thus transacted at Cabo de goede hoop on the 9th January 1734. Was signed: Evert Kiekebos, Matthijsz dite, Philippus Simons, Leendert Houtum. Lower: In my presence, signed: P. de Grandpreez, Secretary. In the margin: As From Cabo de goede hoop under date 1st February 1734. as commissioners, and signed: C. Brand, Molldr. Confirmation. Appeared before us, the undersigned commissioners from the Honorable Worshipful Council of Justice of this Government, Evert Kikebos, chief mate, Philippus Sijmonsz, and Leendert Houtum, third mates, who, this their given disposition having been read out clearly and distinctly word for word, declared that they fully persisted by it, desiring consequently that nothing more shall be added thereto or removed therefrom, and they, the deponents, therefore each in particular, in the presence of skipper Adriaan van der Graaff, spoke the solemn words: So truly help me God Almighty. Below stood: Thus confirmed and sworn at Cabo de goede hoop on the 15th January 1734. Was signed: Evert Krekebos, Philippus Simonsz, Leender Houtum. Lower: In my presence, signed: P. de Grandpreez, Secretary.
Dutch transcription
91. Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. om met zo een gelegentheijd als t toen was 't schip Elijdorp te verlaten, te meer dewijl zijlieden met een gerust Consientie nooijt zoude kunnen verklaren datter geen gelegentheijd was geweest om dat schip te hulp te komen, weshalven hebben alle de stuurluijden, den opperstuurman Evert Keekedos die in zijn hut te kooij ziekelijk lag als toen dieswegens aange„ sprooken; dielaarl. daar op ten andwoord Dat zijlieden al tesamen den schipper af ouder aanspreken, maar dat 't nu en te laet was en tegende nagt ging, en dat zijlieden tot des anderen daags s morgens Souden wagten Dat zijlieden tegens den avondwat naar den Commandeur die in't Nd=t t. O=te en d' HO. van haar was naar gissing an„ „derhalve mijl hebben afgehouden, edog dat zijlieden toen donker wierd geen vuur vanden Commandeur ziende, aanstonds haare Zeylen bij de wind Zetteden Stuurende bij de wind op om de NW; H=s W:t C:r N:, N: W: S: W, dewind wesende als toen W: z: W: Z: W: /: w: . T: Z: , met E Van Cabo de goede hoop onder dato 1.: feb met mooij helder weer en stilletjes 'twelk zo den geheelen nagt blijft duuren, zijnde 'tlugje doorgaan westelijk dat op den 10:e dier maand augustus met 't aanbreeken van den dag, zijlieden den Commandeur omtrent 3½, mijl van haar Eint N: NO:t hebben gesien, komende met 't derde glas in de dagwagt den opper„ „stuurman uijt sijn hut op 't dek welke opperstuurman op 't versoeken in't bijwesen van de stuurlieden en andere menschen den schipper van der Graaff heeft afge„ „vraagt of sij lieden 't schip blijdorp zo soude verlaten, daar dien schipper de Graaff tot antwoord op gaf met smadige schunpige redenen dat zijn gekke praat„ want 't schip is al weg en't volk Capot, dat hij 's EComp:s bodem in geen gevaar wilde stellen en dat 't den Commandeur zyn post was hem voor te gaen, dog dat zij lieden 't daar mede niet gedende gewonnen bij den schipper zo lange hebben aangehouden tot dat zij hem hebben gepersuadeerd met 't 4:r glas ende dagwagt naar den Commandeur die 7 97 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. die in't N N:t O:t omtrend 3½ mijl van haar was af te houden om te prajen en te horen wat hij doen wilde, zettende dien Eijnde haar zeijlen vierkant voor de wind bij, en liepen oost aan om voor den Commandeur over te komen die met zijn kop om de Zuijd lag, dog dat naar dat zijl: omtrent drie glasen naar den Commandeur hadden afgehouden, zoo heeft den schipper van der Graaff tegens dezin van alle de Stuurlieden bij gedraaijt met de Kop om de Zuijd leggende dat hij niet nader aandewal wilde wesen, en dat hij den Commandeur die nog 1½ groote mijl dan haar was, zoude inwagten, wer„ „dende met 't 8:o glas dood, stie, maar inden voormiddag met 't eerste glas nees een Travaet in't Nd=t met onge„ „meen veel wind en liep van Nb=t tot en Z: T: O=ke en duurden den gantschen voormiddag Daags daar aan zijnde geweest den 11:' augusto wesende de wind N: W=t tot 't N=o ontdeckten zijlieden met het lumieren van den dag, den Commandeur aan Van Cabo de goede hoop onder dato 1 feb: 1734. aanstuurboord te loefwaard op, welken Commandeur op haarlieden afhoudende zo hebben zijl: denselven ingewagt, en met 't 6: glas door hem gepraaijt wer„ „dende zo vraagde hij schipper vander Graaff, wat voor gedagten hij had van't Schip blydorp, daar hij de Graaff op antwoorde datter geen andere ge „dagten waren als dat 't schip en volk weg was, werdende door den Commandeur Hoekeling daar op gerepliceerd dat hij sulx ook geloofde en wierd verders van ddat ongeluckig schip niet meer gesproken beraamende alleenig wat voorcours zilieden verders souden Zeijlen Eijndelijk verklaren de relatanten dat men niet alleenig nader bij dat schip blijdorp hadden kunnen komen, maar dat men ook 't selve menschelijkerwyse gesproken en naar alle gedagten wel had„ „de kunnen toebrengen, ten minsten aan't daar op bescheijdene volk; moetende de relatanten nog hier bijvoegen dat zij lieden 't zederd des middags van den 7:' augusto 1733. wanneer de gegiste N Van Cabo de goede hoop onder dato 1.:' feb: 1734: N:s van 16 gr: 17. min:s en lengte 356. gr.s 12. min: tot 's nagts wanneer 't schip — Blijdorp zijn deed van land of droogtens„ Zijl:t naar gissing waren gezeijlt Z: enz: Jn Olten omtrent 12. mijlen, en dat toen zijlieden des anderen daags om 7. uuren inden voormiddag van't schip Olijdorp om de noord zijn gewend, zijlieden heb„ „ben gegift, dat dat schip Blydorp leyde op de N:s van 15: gr: 0 min: lengte 359. gr: 45. min: zo dat zijlieden zig bevonden 3½ gr: oostelijken als ge„ „gist hadden, gistende wanneer zij lie„ „den dien middag ten anker quamen zig te bevinden op de BB: van 15 gn. 9 min en lengte 360 gr: Omen. invoegen dat dat Schip Blijdorp tegens het strand is geraakt omtrend 5 a6. mijlen bene„ den Cabo verde /:onderstond:/ Aldus gepasseerd aan Cabo de goede hoop den 9:' Januarij 1734. /:was getekend:/ Matthijsz dite„ Evert Kiekebos J Philippus Simons, Leen„ Houtum (:lager:) mij „dert present (:getekend. / P:s de Grand„ Secretaris :in margine/ preez als Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb:r 1734. als gecommitteerdens /en getekend) C= brand„ Molldr. Recollement Compareerde voor ons ondergetekende gecom„ „mitteerdens uijt den E: Achtb: raad van Iustitie deses Gouvernements Evert Kikebos opperstuurman, Philippus Sijmonsz:, en Leendert Houtum derdewaken, dewelke dese hunne gegevene dispositie van woord tot woord klaar en duijdelijk voorgelesen zijnde, verklaerde daer bij volkomen te persisteeren, niet begeerende oversulx datter iets meer bij gevoegt ofte van gedaan werden zal, en spraken zij Comps derhalven een „der in't bijsonder in't bijwesen van schipper Adriaan van der Graaff, de solemneele woorden so waarlijk heep mij god al„ „magtig /:onderstond:/ aldus gerecolleerd en beeedigt aan Cabo de goede hoop den 15' Januarij 1734. /was getekent:/ Evert Krekebos, Philippus Simonsz, Leen„ „der Houtum (:lager:) mij present (:getekend:/ P:r de Grandpreez: Secretaris in
English
From Cape of Good Hope dated 1 February 1734. in the margin: as commissioners and signed: Brand, S: Moller Re-examination Appeared before us, the undersigned commissioners from the Honorable Worshipful Council of Justice of this Government, the second mate Matthijs Detelofs, who, this deposition given by him having been read aloud to him word for word clearly and distinctly, declared that he completely persists therein, not desiring therefore that anything more shall be added to or taken from it, and consequently, to confirm the truth thereof, in the presence of the skipper Adriaan van der Graaff, spoke the solemn words So truly help me God almighty. beneath was written: Thus re-examined and sworn at Cape of Good Hope on the 16th of January 1734 was signed: Matthijs detelofs lower: in my presence signed: de Grandpreez: secretary in the margin: as commissioners and signed: From Cape of Good Hope dated 1 February 1734. C: brand, J:s Moller beneath was written: Agrees was signed: H:s leij E. G Clercq Copy Today, the 16th of January 1734, the skipper Adriaan van der Graaff, stationed on the ship present Haaften, having been questioned by the honorable Independent Fiscal Mr. Daniel van den Henghel in the presence of the undersigned members from the Worshipful Council of Justice of this Government, in what manner the ship Blijdorp had run ashore near Cabo Verde, and whether he, skipper van den Graaff, could not have brought any assistance to that unfortunate ship, either by anchoring near the same, or by sending his boat thither to inquire how matters stood with her, and also why he, van der Graaf, on the day after the stranding of that ship, did not at least send his boat to the Commander Ian Hockeling, who lay at anchor near him, to speak to him concerning that ship and From Cape of Good Hope dated 1 February 1734. and to hear whether they might not jointly come to the aid of that ship, and finally why he, van der Graaff, deserted the aforementioned ship Blijdorp contrary to the advice of all his mates; so he, skipper van der Graaff, gave thereto such perverse and entirely irrelevant answers, that it was impossible to learn anything properly from him concerning this, or to draw up a good statement, saying to every question put to him that it was recorded in his journal without knowing anything more about it, from which journal, being drawn up very defectively and also containing nothing or very little of that which was asked of him, one could not learn all that was required, it further seeming as if that skipper van der Graaff was not in his right mind, behaving at least as if he was troubled in his brain. beneath was written: Cape of Good Hope, date as above was signed: C:s Brandz: Mollen lower: in my presence signed: I:s De Grandpreesz secret beneath was written From Cape of Good Hope dated 1 February 1734. beneath was written: Agrees was signed: N:o leij sworn clerk Copy. To the Right Honorable Jan de la Fontaine, Councillor Extraordinary of the Indies and Governor of Cape of Good Hope and the jurisdiction thereof, together with the Honorable Worshipful Council of Policy. Right Honorable Sir and Honorable Worshipful Sirs. With due respect, your Right Honorable and Worshipful Honors' humble servant Jan Hockeling, formerly appointed as skipper on the ship present Van Alsem, but recently, pursuant to the council resolution of your Right Honorable and Worshipful Honors dated the 16th of this current month of January, removed from the vessel under his command, in order to subsequently sail over to Batavia without command on another ship, From Cape of Good Hope dated 1 February 1734. in order to have to answer for his affairs there before their High Excellencies the Lords of the High Indian Government, respectfully shows how the petitioner considers that at Batavia much more time will be required to bring these matters to an end than in the fatherland, because reports will certainly be able to arrive in Europe sooner than in India as to how matters may have turned out with the ship Blijdorp, on which account the petitioner turns in all reverence to your Right Honorable and Worshipful Honors with the humble request that you may be pleased to have the goodness to grant the petitioner permission, instead of going to Batavia, to depart for the fatherland on one of the return ships present, in order to be able to render account directly there to the High Honorable Lords Majores regarding the matters being charged against him. beneath was written: Which doing, etc. beneath was written: Agrees was signed: N:s leij sworn clerk. Declaration From Cape of Good Hope dated 1 February 1734. Copy Declaration of the principal causes and the further course of the illnesses, as the same occurred and were found on the ship Noordwijkerhoud. Besides the fact that the scurvy is brought on board by many of the crew, whether caused by an evil way of living during the winter that they have been at home, or long-lasting voyages from which they have come home shortly before the departure of the Easter ships, entering again into the service of the Honorable Company, putting to sea conditioned in this manner, corrupting their blood fluids more and more, and indeed many corrupting their fluids through the immoderate use of strong drink, to which is also added the bad quality of the provisions, which at that time, namely with the departure of the Easter ships, is older and worse than at any other time of the year, although unavoidable about that season, so it is not possible to deliver bodies conditioned in such a manner therefrom, nay, just as little to relieve them therefrom, but this ailment grows by degrees, and
Dutch transcription
101 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. /:in margine:/ als gecommitt:s /en getekend:/ Brand, S: Moller Recollement Compareerde voor ons ondergetekende gecommit„ „teerdens uijt den E: agtb: raad van Justitie deses Gouvernements, den onderstuurman Matthijs Detelofs, dewelke dese zijne gegevene depositie van woord tot woord klaar en duijdelijk voorgelesen sijnde, ver„ „klaarde daar bij volkomen te persisteren, niet begeerende oversulx datter iets meer bijgevoegt ofte van gedaen werden zal en sprak derhalven tot bekragtiging der waarheijd van dien in't bijweesen dan schipper Adriaan van der Graaff de Solemneele woorden soo waarlijk helpe mij God. almagtig /:onderstond:/ Aldus gerecolleerd ende b'eedigt aan Cabo de goede hoop den 16:e Januarij 1734 /:was getekend:/ Matthijs detelofs /:lager:/ mij present /:getekend:/ de ƒ Grandpreez: secretaris /:in margine:/ als gecommitteerdens /:en getekend: Van Cabo de goede hoop onder dato 1:e feb: 1734. C: brand, J:s Moller (:onderstond:/ Accor„ „deert /:was getekend:/ H:s leij E. G Clercq Copia Heeden den 16. Januarij 1734. den schipper Adriaan van der Graaff bescheijden op 't aanweesend schip Haaften, door den h:r independent fiscael M=r Daniel van den Henghel ten over„ „staen vande ondergetekende leeden uijt den agtb: raad van Justitie deses Gouvernements afgevraagt geworden zijnde, op wat wijse 't schip blijdorp te „gens de wal omtrent Cabo verde was — geraakt, en of hij schipper van den Graaff dat ongeluckig schip geen hulp zoude hebben, kunnen toebrengen, 't zij met naar bij 't selve ten anker te komen, dan wel sijn schuijt daar na toe tesenden om te vernemen hoe 't met hem gelegen was, en ook waarom hij vander Graaf daags naart blijven van dat schip, ten minsten zijn schuijt naar den Commandeur Ian Hockeling die bij hem ten anker lag niet heeft gesonden om hem wegens dat schip te spreeken en 103 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. en te hooren of zijlieden niet gezament„ „lijk dat schip zouden te hulp komen, en eijndelijk waarom hij van der Graaff meer„ „gem: schip blijdorp tegens dezen van alle sine Stuurlieden heeft verlaten; zo heeft hij schipper van der Graaff, daar op zulke verkeerde en gantsch niet terzaake dienende andwoorden gegeven, dat 't on„ „mogelijk was iets dieswegens van hem naar behoren te kunnen vernemen, ofte een goed opstel te kunnen van maken, zeggende op ieder vrage die hem gedaen wierd, dat 't in zijn Iournaal aangetekend stond zonder iets meer van te weeten, uijt welk Journaal als seer gebreckelijk opgesteld zynde, en ook niets ofte seer weijnig van 't geen hem gevraegt wierd en hield, men niet niet al vant gerequireerde konde vernemen, schijnende verders als of dien schipper van der Graaff niet wel bij zijn verstand was, houdende zig ten minste als of hij in zijn herssens getroubleerd was /:onder„ „stond:/ Cabo de Goede hoop datum als boven /was getekend:/ C:s Brandz: Mollen, /:lager:) mij present /:getekend:/ I:s De Grandpreesz secret onderstond Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. /onderstond:/ Accordeert /:was getekend:/ N=o leij E: gesw: Clercq Copia. Aan den Wel Edelen gestrengen Heer Jan bela fontaine raad Extra„ „ordinaris van India, en Gouverneur van Cabo de goede Hoop en den resorte van dien, benevens, den E: Achtb: raad van Politie. Wel Edele gestr: Heer, en E: agtb: Heeren 1. Geeft met verschuldigd respect te kennen uw wel Edele gestr: en E: agtb: Nedrigen Dienaer Jan Hockeling, voor schipper op't aanweesend schip van alshem bescheiden geweest, dog nu jongst volgens raads besluijt van Uwel Edele gestr: en E: Agtb: de dato 16: deser lopende maand Januarij van zijn onderhebbende bodem afgenomen, om vervolgens met een ander schip zonder Commando naar Batavia over te varen ƒ - - 105 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. varen, ten eijnde zijne zaken aldaar bij haar hoog Edelens de heeren der hoge In„ „diasche regeering te moeten verandwoorden, hoe den supp=t vermeijnd dat tot batavia veel langer tijd als in't vaderland zal werden verEijscht, om die zaken ten Eijnde te kunnen brengen, dewijl 'er zeekerlijk in Europa eerder dan in India berigten zullen kun„ „nen inkomen hoedanig het met 't schip blij„ „dorp mag afgelopen zijn, weshalven den Suppliant zig in alle eerbied is werdende tot uwe wel Edele gestr: en E: agtbare met ootmoedig versoek dat deselve van die goedheyd gelieven te zyn, aan den Supp=t te accordeeren, om in steede van naar Batavia, met een der aanweesend retourscheepen naar 't vaderland te mogen vertrekken, ten eijnde directelijk aan de hoog Edele heeren majores aldaer, verand„ „woording wegens de aan hem te last ge „legt wordende zaken te kunnen doen /onderstond:/ 'T welk Doende &:a & /:onderstond:/ Accordeerd /:was getekent.) N:s leij E. G. Clercq. Verklaring Van Cabo de goede hoop onder dato 1=e feb: 1734. Copia Verklaring der voornaamste Coorzaken, en 't verder beloop der ziektens, zo als desel„ „ve op 't schip Noordwijkerhoud gepasseerd en bevonden zijn Behalven dat de scheurbuijk door veele van't volk aanboord gebragt word, 't zij ver„ „oorsaekt door een kwaade manier van leeven gedurende de winter dat deselve 't huijs zijn geweest, of lang durende reijsen, waar van kortelijk voor't vertrek den paasch scheepen 't huijs gekomen zijn, hun weder in dienst der Ed: Comp:e begevende, aldus gesteld in zee gaan, hunne bloed sappen meer en meer bedervende, en wel veele door't onmatig gebruijk van stercke dranken daardoor hunne sappen bedervende, waar bij nog komt de slegte hoedanigheijt der victualie, welke ter dier tijd, namentlijk met 't vertrek der paasch scheepen, ouder en Slegter is als eenige andere tijd des Jaars, hoewel onvermijdelijk omtrend die gelijden, Zo ist niet mogelijk dusdanig gestelde lichamen daar van te bevrijden, Ja alsoo min daar van te ontheffen, maar groeijd dese quaal bij trappen aan, en boet
English
107 From Cabo de goede hoop under date 1 feb: 1734. causes many already in the beginning of the voyage to pay with their lives, and this is in my opinion the cause of death of such persons. Furthermore it is undoubted and certain that the shortage of water (which necessarily comes to follow upon long voyages) is indeed one of the principal, nay immediate causes of the scurvy disease, and this appears more clearly from the fact that as soon as the reduction of the water ration was instituted, which after having been two and a half months at sea was set at 6, about a month after that date at 5 mutsjes, and thus continued until Cabo de goede hoop, the scurvy immediately began to rage more severely, and further daily, notwithstanding the use of the necessarily required medicines as well as other anti-scorbutic remedies, gained the upper hand; namely the use of munnikswortel, mustard, as also sometimes according to the requirement of matters, brandy on scurvy-grass leaves and garlic, expressly provided by the Honorable Company for the prevention of that disease alongside the anti-scorbutic remedies, thus. From Cabo de goede hoop under date 1 feb: 1739. As were provided by the Honorable Company, to which is further added the frequent rinsing and cleaning of the ship, as well as fumigating with mastic, sprinkling with vinegar and further precaution in the cooking of the food, such as keeping kettles, pots and copper wine pumps clean, upon which otherwise all acids, whether of wine or anything that contains acidity, would come to act, and in so doing would infect the bodies and cause evil accidents; sufficient care having been taken for this, or so far as possible, alongside providing refreshment, or rather variation of food so far as is practicable aboard ship, so that nothing else is to be suspected, as repeatedly mentioned, than that the cause depends mostly on the lack of sufficient fluid; whereby the blood juices acquire a bad quality, namely a burning sharpness with drying out of the most fluid juices, through which the circulatio sanguinis loses its natural motion, an elevation of fever that is intermittent is caused, brings a bad 109 From Cabo de goede hoop under date 1 feb: 1734. sustenance to the solid parts, whereupon necessarily the complete scurvy with its appendages and malignant accidents appears plainly, as the signs and symptoms which I will add here will clearly show: namely in the beginning difficulty in breathing or short respiration, spongy and corrupted gums, paleness-brownness of the face, foul breath, stiffness and heaviness of the limbs, blue discolored spots around the knees, pain in the joints, to which is further added bleeding of the nose, corrupted appetite, constipation of the bowels, which again in others was excessive, nay turned into dysentery, and more such fatal accidents, which present themselves according to the condition of the climate, disposition and nature of the bodies, and from this it will not be too difficult to understand how unavoidably during the period of seven and a half months so raging a disease and numerous mortality had to follow thereupon. Below stood: Thus passed and found From Cabo de goede hoop under date 1 feb: 1734. on the ship Noordwijkerhout. Was signed: W:t Blenke, chief surgeon. In the margin: Cabo de bone Esperance the 6th of Januarij 1734. Below stood: Agreed. Was signed: A:s leij, Honorable Sworn Clerk. I, the undersigned Gerrit Krak, chief surgeon appointed on the Honorable Company's ship Haaften, declare by this that during the voyage since the 6th of Iulij 1733 that we departed from Texel, no extraordinary illnesses have prevailed on that vessel, and also have lost none but one person who had come on board with consumption, so that by God's goodness on the 6th of November I have had no more than that single dead person, but towards the end of December and the following time a disease revealed itself known under the name of scurvy, which thus presented itself as some complained in the beginning of its progress of foul breath, swelling and bleeding of the gums, heaviness, listlessness, coughing, short breath, Copy rash 111 From Cabo de goede hoop under date 1 feb: 1734. rash of small and here and there spreading blue and purple spots, with swelling, tension and stiffness in the legs, unsteady stabbing shooting pains pushing up from the upper belly to the chest and throat, also in the loins, the extremities, head, pit of the stomach with chest tightness, fainting fits, vomitings, hemorrhages such as from the nose, coughing up blood, vomiting of blood, bowel movements with blood, also bloody protrusions in the ulcerations if they had the same, of which those held out the longest who had the chest clear and showed the most external signs; others complained of chest tightness and pains, short breath, cough, without further signs, so that they thought they would immediately suffocate, so that I was sometimes obliged to let blood, upon which relief always followed, but found the blood not to have its required firmness, for the separated serum was turbid and the clot broke at the slightest touch, and found that if these then
Dutch transcription
107 Van Cabo de goede hoop onder dato 1 feb: 1734. doet menig al in den beginne der reijs de dood bekopen, en is dit mijns bedunkens de oorsaek van overlijden der zodanigen Vervolgens is 't ontwijffelbaar en zeker dat 't gebrek van water (:dat noodsakelijk op langduurige reijsen komt te volgen.:/ wel een der voornaamste, ja naaste oorsaken der scheurbuijk ziekde is, en blijkt dit klaar„ „der, dat zo haast vermindering van randsoen water gegeven was, 'twelke na tweeen een halve maand in zee geweest te hebben op 6: omtrend een maand na dato op 5. mus„ „ies wierd gesteld, en zo tot aan Cabo de goede hoop vervolgt, dadelijk de scheur„ „buijk heviger beginde te woeden, en voorts dagelijx, niet tegenstaende 't gebruijk der noodwendig verEijschte genees midde„ „len als andere tegen scheurbuijkige middelen de overhand nam; als nament„ „lijk 't gebruijk van mijniks wortel, mos„ „taart, als ook Somtijds na verEijsch van zaken, brandewijn op leepel bladen f en look Expresselijk door de Ed:le Comp: tot verhoeding dier ziekte mede gegeven benevens de tegen scheurbuijtige middelen, Zo. Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1739. Zo als die door de Ed: maatschappije werd mede gegeven, waar bij nog komt het dik„ „wils spoelen en schoonmaken van't schip, als ook t rooken met de mastrix 't bespengen met azijn en verder voorzorg in't koker der spijs, als 't schoon houden van keetels potten en kopere wijn pompen, waar op anders alle zuuren 't zij van wijn of iets dat zuurs bij zig heeft zoude komen te werken, en dus doende de lighamen zoude infecteren en quade toevallen veroorzaken, hier voor dan genoegsame of in zo ver moge„ „lijk zorg gedragen zijnde, benevens 't besorgen van ververssing, of liever ver„ „andering van spijs in zo ver binnen scheeps doenelijk is bezorgd, zo dat niet an„ „ders te vermoeden is, als meermaals gemeld of de oorzaakhangt meest af van gebrek van genoegsaem vogt; waar door de bloed„ „sappen een slegte hoedanigheijd verkrijgen, namentlyk een brandende scherpigheijt met uijtdroging der vloeijbaarste sappen, waardoor de Circulatie Panquinis, zijn natuurlijke beweging verleest, ver „heffing van Coorts die intermitterende is veroorzaakt, de vaste deelen een 109 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. een quade voetsel toebrengt, waar op noodsakelijk de volkomene Scheurbuijk met desselfs aanhangsels, en quaadaardige toevallen naakt verschijnen, zo als de Tekenen en toevallen die hier zal bijvoegen klaar sullen aanwijsen: namentlijk in den beginne wanademing of konte atemhaling Spongieus en bedurven landvlees, bleek„ „bruijnheijt des aangesigts, stinkende adem, stijfheijd en loomheijd der gelederen, blaauwe miskleurige vlekken omtrent de knien, pijn der gewrigten, waar bij nog komt bloeding der neus bedurven eet„ „lust op stopping van Kamergang, die wederom in andere te veel was, ja indi„ „senterium veranderde, en meer herige Ca„ doodelijke toevallen, die zig na gelegentheijd deslugt streeks gesteldheijd en aard der lichamen op doen en zal hier uijt niet te zwaar te begrijpen zijn, hoe onvermij„ „delijk gedurende den tijd van zeven en een halve maend daer op een zo woedende siekte en menigvuldige sterfte heeft moeten volgen (:onderstond:/ Aldus gepasseerd en bevonden Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. op 't schip Noordwijkerhout /:was getekend:/ W:t Blenke, opperchirur„ „gijn (:in margine:) Cabo de bone Esperance den 6:' Januarij 1734 (:onderstond:) Accor„ „deerd /:was getekent:/ A=s leij E: gesw: Clercq Ik ondergeschrevene Gerrit Krak oppermees„ „ter bescheijden op 't E. Comp:s schip Haaften, verklaare door desen als dat gedurende de reijse zedert den 6:' Iulij 1733. dat uijt Texel zijn vertrocken geen buijten gemeene ziek„ „tens op dien bodem hebben geheerst, en ook geene heb verlooren als een persoon welke met de teering aanboord was gekomen zo dat den 6: november door Gods goed„ P. „heijd niet meer als die eene doode hebbe gehad, maar trexte laast van december ende volgende tid openbaarde zig een ziekte onder de naam van scheurbuijk bekend, welke zig dus vertoonde als eenige klaagden in den beginnen voort„ „gang van stinkende adem, swelling en bloeding van't Tantvleesch, loomheijt lustelodsheijd, kuch, korten adem Copia uijtslag - 111 Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. uijtslag van kleijne en daar verspreijden„ „de blaauwe en paarse vlecken, met swel„ „ling, spanning en stijfte aan de beenen ongestadige stekende schietende pijnen, der boven zijnde buijken na de borst en keel opdringende, ook inde lenden, te dematen, hooft Crop vande maag met borst benaamwt„ „heijd, flaautens, brakingen, bloed uijt„ „banstingen als uijt de neus, bloed ophoes„ „tende, bloedbrakingen, afgank met bloed, ook bloedige uijtbuldingen inde ulsera„ „tien zo sij deselve hadden, waar van die geene het langste gaande hielden die de borstruijm hadden, ende meeste uijt„ „wendige tekenen vertoonen, andere klaagden van borst benauwtheijd en pijnen korte adem, hoest, sondere verdere tekenen, dat zo aanstonts meenden te sticken zo dat somtyds ben genoodsaakt geweest ader te laten, waar op altijd verligting bequam maer bevond het bloed zijn vereijschte vas„ „tigheid niet te hebben want het gesepa„ „reerde water was groesig ende Klomp brak op het minste aan„ „vatten, en bevond dat zo dese dan
English
From Cabo de Goede Hoop dated 1 February 1734. then got blue bumps and spots on the arms and legs, which relieved the chest, and they then remained active for a long time; with others, it remained seated in the chest, and in the respiration, as they said, like a solid constriction with a dull pain, from which some died suddenly as if panting. The primary cause of this very severe sickness I consider to be the long voyage, yet I do not doubt some had already laid the foundation of this sickness ashore through an evil way of living, who also were the first to be afflicted with it. I further declare that all which I deemed necessary for the further prevention and alleviation of this sickness and the care of them, whether externally the prevention of stench and uncleanness or internally for the refreshment and strengthening of these sufferers, was abundantly granted to me and also done, so that on 14 December of this year we arrived safely with fourteen dead and fifty-five sick who went ashore; yet in the roads, before they departed, another three died, so that in total there were seventeen dead to whom 113. From Cabo de Goede Hoop dated 1 February 1734. I administered these remedies. All of this occurred to me in truth. Underneath stood: In the ship Haaften in the roads of Cabo de Goede Hoop the 18th of December 1733. Was signed: G. Krak. Underneath stood: Agrees. Was signed: N.s Leij, First Sworn Clerk. Register of the letters and papers which, under today's date, are dispatched from here to his High Nobility, my Lord the Governor-General Mr. Dirk van Cloon and the Noble Lords Councillors of India, at Batavia, per the ship Haaxburg, namely: No. 1. Original missive addressed by the Noble Lord Governor Jan de la Fontaine, along with the Council, to his Nobility and the aforementioned Noble Lords Councillors. 2. Ditto ditto written separately by the said Lord Governor concerning the secret signals O From Cabo de Goede Hoop the 17th of February 1734. signals and flags that will be shown for the return ships of the coming year from the Lion's Head and Rump. No. 3. Extract resolution taken here on the 11th of this current month of February regarding the shortfall in the cargo of the bearer of this. 4. Original requisition of necessities for this government in the following year 1735. 5. Authentic copy of deeds of the provisionally promoted persons on this ship. 6. Ditto ditto resolutions taken in the past year in this Government. 7. Ditto ditto deeds of the promoted persons in the aforementioned time. 8. Trade books of this government with the annexes belonging thereto according to separate register. 9. Pay books as before. 10. Bill of lading and invoice of the shipped aloe, elephants' teeth, medicinal drugs, etc., in the bearer. 115. From Cabo de Goede Hoop the 17th of February Anno 1734. NB: Herewith is also enclosed a letter from the Pangeran Loring Pasar, numbered 12. Per the ship Haaxburg received the 3rd of June 1734. Departure of the ships Haaften and Noordwijkerhout. bearer of this No. 11. Expense account of that which the same has received here. At the Castle of Good Hope, the 17th of February 1734. Signed: Leij, First Sworn Clerk. To the Right Honourable, Valiant Mr. Dirk van Cloon, Governor-General, and the Noble Lords Councillors of India. Right Honourable, Stalwart, Highly Respected, Valiant, Highly Wise, Prudent, Most Generous Lord and Noble Lords. As we have had the honour in our recent humble missive of the 10th, which was dispatched with the ships Haaften and Noordwijkerhout that departed from here for Batavia on the 13th of this month, From Cabo de Goede Hoop the 17th of February 1734. Skipper appointed to bearer of this departed ships Haaften and Noordwijkerhout, to bring to the prior knowledge of your Right Honourable and Highly Respected Lordships that the ship Haaxburg has now been made ready to undertake the return voyage to Batavia, we therefore hope that that vessel may arrive there with prosperity; having taken the liberty, instead of the deceased skipper Cornelis Lanster, subject to the further approval of your Right Honourable and Highly Respected Lordships, to appoint thereto the chief mate stationed thereon, Barend Lont, to whom the responsibility for this ship with its cargo and further appurtenances was duly transferred by expressly appointed commissioners according to the orders of the Honourable Company, as also the other mates have each succeeded in rank and quality, in such manner as your Right Honourable and Highly Respected Lordships may be pleased to see further from the deeds granted concerning this which accompany this in copy, to which we shall otherwise respectfully adhere. Also, 117. From Cabo de Goede Hoop the 17th of February 1734. Shortfall in the cargo of the same that they have taken the liberty to write off. Also, the officers of this vessel have duly delivered here such goods as were sent hither with it by the favorable care of your Right Honourable and Highly Respected Lordships, except 15,183 lbs of rice short out of 834,000 lbs, being 1 1/16 per cent, calculated as 8,192 lbs out of 450,000 lbs for this place, and 6,991 lbs out of 384,000 lbs that were unloaded from it for Batavia; together with 2,917 canns of arrack found short by ullage in 70 leaguers, as being: 2 of 3, 35 of 4, 25 of 5, 4 of 6, 1 of 7, 1 of 10, 1 of 22, and 1 of 27 inches empty, the last eight each with a break in the bilge, making this together fully 11 15/16 per cent; and since the shortfall on the rice does not exceed, as well as in consideration that the Governor, as soon as they began to unload, expressly commissioned the skipper and master of equipment Jacobus Moller, along with the fellow skipper Jan Meijnderts, to inspect precisely from time to time, pursuant to the respected orders of your Right Honourable and Highly Respected Lordships, the stowage of the arrack leaguers and further cargo of the said provisions ship Haaxburg, by which
Dutch transcription
Van Cabo de goede hoop onder dato 1:' feb: 1734. dan blaauw ebulten en vlecken op de armen en beenen kreegen, dat de borst ruijmde, en dan nog lang gaande hielden, andere bleef het zelve inde borst zitten, en inde udemhaling gelijk zij zeijden als een vaste zamensetting met een dofse pijn welke zommige schielijk als heygende sturven, de voorgaande oorsaak van desen seer swaare ziekte stelle te zijn, de langduurige reijse, dog twijffele niet o sommige hebbende grondslag dezer ziekte door quade manier van leeven, aan de wal al gelegt welke ook 't eerst daar mede beset raakten; vorders verklare dat al wat nodige oordeele tot verdere voorkoming en verlig„ „ting desersiekte en oppassen 't zij uijt„ „wendig 't verhoeden van stank en on„ „reijnigheijt of inwendig tot verquicking en versterking deserlijders mij onden„ „telijk is vergund, en ook gedaan, zo dat wij op den 14:' december deses Iaars behouden zijn gearriveerd met veerthien dooden en vijff en vijftig zieken, die na de walgingen, dog op de rheede voor- dat zij vertrocken, nog drie dooden, zo dat in't geheel, seventhien doden had, die. 113. Van Cabo de goede hoop onder dato 1' febr: 1734. die middelen toegediend heb; dit alles is mij in waarheijd voorgekomen /:on„ „derstond:/ Intschip Haaften op de rheede van Cabo de goede hoop den 18=e december 1733. (:was getekend:) G. Krak (:onderstond:) Accordeerd (:was getekent.) N=s leij E. G. Clercq. Register der brieven en papieren de„ „welke onderhuijdigen datum van hier werden afgesonden aan syn hoog Edelheijd, mijn heere den Gouverneur Generaal M=rs Dirk van Cloon en de de Edele heeren raden van India, tot Batavia, p=r het schip Haaxburg, namentlijk N:o 1. originele missive door den Edelen heer Gouverneur Ian dela fontaine benevens den raed aan zijn Edel„ „heijd, ende de Edele heeren raden voorn:t gecarteerd. 2. _:o _o bij gedagte heer gouverneur apart gesz: wegens de geheijm Leijnen O Van Cabo de goede hoop den 17. ' febr: 1734. zeijnen en vlaggen die voor de retourscheepen des aanstaan„ „den Iaars van den leeuw en cop en bil sullen worden vertoond N=o 3. Extract resolutie op den 11:' deser lopende maand februarij alhier geno„ „men ten opsigte van het te kort komende op de lading van brenger desen. 4. Origineelen Eijsch van benodigtheeden voor dit gouvernement in't volgende Iaar 1735. 5. Copia authenticq actens der p=l bevorderde personen op dit schip 6. _:o _:o resolutien in den gepasseerden Iaare in dit Gouvernement genomen. 7. _:o _=o actens der verbeterde personen in den voorm: tyd 8. negotieboeken deses gouvernements met de daar toegehorende bijlagen volgens appart register 9. zoldijboeken als vooren 10. Cognoscement factuur vande afgescheep„ „te tarn, oliphants tanden, medianale drogues &=a in brenger. 115. Van Cabo de goede hoop den 17:' feb: A:o 1734. NB: sijnde hier nevens s ook gevoegt een brieff van den pangerang Loring passir genom„ „mert 12. Pr het schip Haar ƒ6 „burg ontf. den 3: Junij 1734. haaften, en Noord„ „wijkerhout. brenger deser N=o 11. Onkost reecq: van't geene den zelven alhier heeft genoten. tCasteel de goede Hoop den 17:e februarij 1734 /:getekend/ beij E: G: Clercq. — Aan den Wel Edelen gestrengen heer Mr. Dirk van Cloon Gouverneur Generael ende de Edele Heeren raden van India WelEdele Erntfeste Groot achtbare manhafte„ wel wijse, voorsienige Seer genereuse heere en Edele heeren. Gelijk w' de eere hebben gehad bij onsen Jongsten onderdanigen van den 10: dewelke dipuart derscheepen met de op den 13:' deser maand van hier Batavia vertrockene. . - Van Cabo de goede hoop dan 17:en februarij 1734. schipper Cenz: op brenger deser Vertrockene scheepen haaften, en Noordwijker, „hout is afgegaan, aan uwe wel Edele groot Agtb: voor af ter kennisse te brengen, dat 't schip Haaxburg tegenwoordig in gereedheijd gebragt zijnde, om de te rug reijs naar Batavia te kunnen onderneemen, hop en wij derhalven dat dien bodem aldaar met voorspoed sal mogen aanlanden, hebbende ons de vrijheijd aangemate t insteede van den overledene schipper Cornelis Lanster nadere goedkeuring van uwe wel Edele groot agtb: hier toe weder aan testellen, den daar op bescheijdenen opperstuurman aanstelling van den Barend Lont aan wiende verandwoor„ „ding van dit schip met desselfs inlading en verder toebehoren, na de ordre der EComp door Expresse gecommitteerdens behoorlijk is overgegeven, gelijk ook de overige stuur„ „lieden ider na haar rang in qualiteijt zyn opgetreden, invoegen als door uwe wel Ed: groot agtb: des gelievende nader zal kunnen werden gesien, uijt de hier van verleende actens dewelke desen in Copia versellen, waar aan wij ons voor het overige met eerbied gedragen zullen, Ook 117. Van Cabo de goede hoop den 17:e feb: 1734. te kort komende op de lading van dat men dev rijheijd genomen heeft te passeeren Ook hebben de overheeden van desen bodem alhier wel uijtgeleverd zodanige goederen denselven als doorde gunstige versorging van Uwe Wel Edele groot agtb: daar mede herwaarts zijn gesonden, uijtgenomen 15183. lb rijst op 834000. ponden te kort, zijnde 1 1/16. percento, — gerekend 8192. lb op 450000. lb voor dese plaats, en 6991. lb op 384000. ponden die daar uijt tot Batavia zijn ontladen, mitsgaders 2917. Cann: aracq op 70. leggers bij peijling minder bevonden, als zijnde 2. van 3. , 35. van 4, 25. van 5, 4. van 6, 1. van 7. 1 van 10 1 van 22. , en 1. van 27. duijm, wan„ geweest, de agt laaste ider met een Cas aanden buijk, makende dit tesamen ruijm 11 15/16. percento, en dewijl het tekort komende op de rijst niet Excedeert, gelijk mede uijt aan„ „merking dat den gouverneur, een dat men heeft beginnen te lossen, den schipper en Equipa„ „giemeester Iacobus moller, benevens den mede schipper Jan meijnderts, Expres heeft gecommitteert om agtervolgens de geEerde ordre van uw wel Edele groot agtb: de stua„ „gie vande aracq leggers, en verdere lading van gem: provisie schip: Haaxburg van tid tot tijd Exactelijk te visiteeren, door Welke G
English
From Cape of Good Hope, the 17th February 1734. which was all found properly stowed and attended to according to the custom of seamen, and that therefore the great deficiency of some of the aforesaid arrack leaguers could not be attributed to any neglect of its officers, but rather, as they state in their written justification submitted concerning this matter, must have been caused by heavy laboring of the ship and other leakage. We have therefore, subject to the favorable interpretation of Your Right Honorable Worships, had to resolve that all this shall be passed and written off in the trade books of this Government, as may please Your Right Honorable Worships to inspect more closely from the enclosed extract of our resolution taken concerning this matter on the 11th of this month, wherein Your Right Honorable Worships will also find inserted the report of the commissioners who inspected the stowage of the cargo, so that, abiding by this, we dare hope that our decision made regarding this will not appear disagreeable to Your Right Honorable Worships. Having now furthermore the honor with this ship to send to Your Right Honorable Worships, in reduction of the requisition made from here, the following goods, namely: 200 lasts of Wheat 4 lasts of Rye 389 lb of diverse garden seeds 402 lb of medicinal drugs in varieties 1 box with tarragon plants 6917 lb of elephant tusks, among which 4184 lb of 20 pounds and above, consisting of 112 pieces All of which, according to the order of Your Right Honorable Worships, are marked with the Company's mark and described according to the weight of each, just as all of this, as well as that the same were received properly dry by these ship officers, is further confirmed by the bills of lading and invoices made thereof accompanying this, while the remaining garden seeds, almonds, raisins, and Car: Cidoniorum still missing from Your Right Honorable Worships' aforementioned requisition will be sent over and attended to in the same manner by the next opportunity of a ship. In the meantime we take the liberty to present herewith to Your Right Honorable Worships our requisition of necessities for such goods as will necessarily be required for the benefit of this place in the coming Year 1735, with a humble request that the same, if feasible, may be completely fulfilled through the goodness of Your Right Honorable Worships, transmitting in addition to Your Right Honorable Worships the resolution book of the past year, provided with the required marginal notes and index, the act book of the reformed persons, as well as the trade and pay books with their annexes according to the register; also joined beside this is a secret letter regarding the flags and signals that will fly in the coming year from the Lion and Lion's Rump, for the peace of mind of the return fleet ships that will then be expected. We are also able presently to report with respect to Your Right Honorable Worships that this ship Haaxburg, when inspected at its muster by the fiscal and commissioned members from the Council of Justice, was found to draw 14¾ feet forward and 17½ feet aft. The small boat of Noordwijkerhout having broken loose from it on the evening of the 12th of this month, when that vessel set sail, due to the parting of the rope, along with a man who sat in it, the same person had the presence of mind to drop the grapnel and thus remain lying during the night, after which that boat was accidentally discovered in the morning lying on the other side of the bay by the skipper of the bearer of this, Barend Lond, and fetched away from there with his boat, the sailor Laurens Cornelisz of Lembeek who had been in it now being sent over with this ship to Batavia. The Pangerang Loring Passer having requested of us to be allowed to send the letter accompanying this, alongside the Company's papers, to Your Right Honorable Worships, we have therefore taken the liberty to grant him this. Furthermore, after this was prepared thus far, news was brought to us overland by a letter from the officers of the ship De Visch from Saldanha Bay that they arrived and put in there on the 11th of this month, and that in a tolerable condition with 26 dead, 45 sick, besides that another 42 of the crew members who had been assigned thereto were detained in Lisbon, so that they now find themselves, counting the sick among them, still 136 heads strong; which vessel, in company with the ship Lagepolder, arrived at that place on the 8th of September of the past year, and after the cargo and crew of the unseaworthy ship De Visch were taken over by them, they departed again from the river of Lisbon on the 15th of October and remained together until the 10th of this month.
Dutch transcription
Van Cabo de goede hoop den 17:en feb: 1734: „gaande Extract re„ dsolutie nadercon„ „steert. welke alles na Zeemans gebruijk wel afge„ „stuwt en besorgt is gevonden, en dat over„ „sulx de groote wannigheijt van sommige der voor„ „zeijde aracq leggers aan geen versuijm van dies overheeden heeft kunnen werden toegeschreeven, maar eerder gelijk zij in hare hier omtrend over„ „geleverde schriftelijke verandwoording zeggen, door sware arbeijden van het schip en andere leccagie moet wesen veroorsaakt, hebben wij derhalven onder welduijding van uwe wel Edele groot agtb: moeten besluijten, dat het een en ander gepasseerd, en bij de negotieboeken deses Gouvernements zal worden afgesz:, zo als door uwe wel Edele groot agtb: bij geliefte nader zal kunnen werden bevogt, uijt het gelijk bij de nevens bigaande Extract onser resolutie op den 11: deser maand tegens deze zaak genomen, waar bij uwe wel Edele groot agtb: het rapport der gecommitteerdens destuagie der laeding gevisiteerd hebbende, ook sullen geinsereerd vinden, sulx wij ons daar aan gedragende durven hopen dat onse hier omtrend geval„ „lene dispositie niet onbehaagelijk aan Uwe wel Edele groot agtb: zal te vooren komen. Hebbende „. 119 Van Cabo de goede hoop den 17:' feb: A:o 1734. met desen bodem worden afgesonden staande de overige die nog manqueeren per naasten te Hebbende als nu wijders de eer met dit schip in mindering van den daar mede van goederen dewelke hier gedanen rijsch. aan uwe wel Edele groot agtb: te laten toekomen de volgende goederen namentlijk; 200. lasten Tarwe 4: _:o rogge 389. lb diverse thuijn zaden 402: „ medicinale drogius in zoorten 1: bak met dragon plantjes 6917. lb oliphants landen, waar onder 4184. lb van 20. ponden en daar boven, bestaande in 112. p. s Dewelke alle volgens de ordre van uwe 2 J wel Edele groot agtb: met 's Comp:s wark ge„ „teijkent, en met het gewigt dat iderswaar is, volgen beschreeven zijn, gelijk dit alles mitsgaders dat deselve wel ter deegen droog door dese scheeps overheeden zijn ontfangen, nader Consteerd, bij de daar van gemaakte desen dersellende Cognoscement factuuren, terwijl de overige op uwe wel Edele groot agtb: voormelten Eijsch nog manqueerende thuijn„ „zaden, amandelen, rosijnen en Car: Cido„ „niorum, bij nadere scheeps gelegentheijt in Selver —„ Van Cabo de goede hooft den 17:' feb: A:o 1734. ook werd desen door onser Eijsch van beno„ „digtheden verseed. „solutie, acte negotie en zoldij boeken de secrete seijnen betreffende. selver voegen staan overgesonden en be„ „zorgt te werden. Inmiddels dat w' de vrijheijt gebruijken uwe wel Edele groot agtbare hier nevens aan te bieden, onsenEysch van benodigtheden van zodanige goederen als in den aan„ „staande Iaar 1735. noodwendig ten behoeve deser plaatse sullen werden gere „quireerd, met gedienstig versoek dat deselve, is het doenelik door de goedheijd van uwe wel Edele groot agtb:s in't geheel mag werden voldaan, latende daar en boven aan uwe wel Edele groot agtb: toe„ gelyk mede vand're„komen, het resolutieboek des voorleden Iaars, voorsien vande verEijschte mangi„ „nalia en bladwijser, het acteboek der ver„ „beterde personen, als mede de negotie en zoldijboeken met der bilagen volgens register, ook is hier besyden gevoegt een secreet briefje aangaande de vlag„ nevens een briefjengen en zeijnen die in't naastkomende jaar van den leeuw en kopen bil waaijen zullen, tot gerustheijt der retourscheepen die men als dan zal hebben te wagten, kunnende 121 Van Cabo de goede hoop den 17:' feb 1734. schip bij zyn vertrek gelegen. van Noordwijker„ „hout daar van afge„ „raekt, en alhier wedergevonden kunnende uwe wel Edele groot agtb: tegenwoordig ook met eerbied berigt doen dat dit schip Haaxburg bij desselvs monstering berigt hoediep dit door den fiscaal en gecommitteerde leeden uijt voor en agter heeft den raad van Justitie gevisiteerd wesende bevonde is voor 14¾ en agter 17½ voeten te treeden. Het schuijtje van Noordwijkerhout des avonds van den 12:' deser maend, wanneer dien bodem is onder zeijl gegaen, door het breeken van het touw, met een man die in het selve zat, daar van afgeraakt zijnde, heeft denselvende zijnde het schuijtje presentie gehad van het voordregte gooyen en zo des nagts te blijven leggen, waar na dat schuijtje des morgens door den schip„ „per van brenger deser Barend Lond bij geval heeft aan de overkant van de barij leggende is ontdekt, en met desselfs schuijt van daar afgehaald, werdende, den daar af„ „gehaeld, werdende den daar ingeweest zijnde mattroos Laura Cornelisz: van Lembeek als nu met dit schip na batavia overgesonden. Den Pangerang Loring Passer aan Van Cabo de goede hoop den 17:e' 7e: Anno 1734. een brieff van den pan„ „ser overgemaekt schip d' Vischende. Saldanhabaij aan ons versogt hebbende, desen hier bij gaan„ word ende hier besijdegden brief, nevens 's Compagnue papieren aan „gerang Coringpas„ uwe wel Edele groot agtbare te mogen toeschie„ „ken, hebben wij derhalven de vrijheijd gebruijkt zulx aan hem te accordeeren: — Zijnde onswijders na dat desen dus verre vervairdigt was, bij schrijvens der overheeden arrivement van het van het schip De visch, uijt de saldanhabaaij over den landweg tijding toegebragt, dat Zijl: op den 11. ' deser maand aldaar sijn komen binnen te vallen, ende zulx in een tamelijke gesteldheijd met 26. doden, 45. — zieken, behalven dat nog 42. van de daar. op bescheijden geweest zijnde scheepelin„ „gen in Lissabon zijn gedestineerd, in„ „voegen zij zig nu de zieken daar onder, gerekend, nog 136. Coppen sterk bevinden, wel„ „ken bodem in geselschap van het schip. — Lagepolder op den 8: September des voorleeden Iaars ter dier plaetse is gearriveerd, en na— dat de lading en manschap van het onbequa „me schip De Visch door haarl: was overge„ „nomen zijn zij den 15: October weder uijt de rivier van Lissabon vertrocken en tot op den 10. ' deser maand nog bij malkanderen.
English
123 From Cape of Good Hope, the 17th of February 1734. where the necessary provisions will immediately be sent to. They were together, when the ship Lagepolder headed out to sea, and this ship De Visch, as was said, made landfall in Saldanha Bay the next day, whither the brigantine Fijenoord, somewhat prepared for this purpose, is to be dispatched with the first favorable wind to bring to their keel the necessary provisions, drinking water, bread, and pot herbs for refreshment for the ship's crew; whose officers have at the same time been recommended to miss no opportunity to steer for this roadstead as speedily as possible. Wherewith concluding this, we commend your Right Honorable Grand Worshipful persons with the weighty interests of the Honorable Company to the protection of God, and remain with much submissiveness, was signed: Right Honorable, Steadfast, Grand Worshipful, Valiant, Right Wise, Prudent, Very Generous Lord and Honorable Lords, lower: Your Right Honorable Grand Worships' very humble and obedient servants, was signed: Jan de la Fontaine, A. van Kervel, D. van den Henghel, J. T. Rhenius, N.s Heyning, H. Swellengrebel, C. Brand, R. Tulbagh. From Cape of Good Hope under date 17th of February 1734. in the margin: In the Castle of Good Hope, the 17th of February 1734. Translation of a Malay letter written by Pangerang Ngabehi Lor ing Pasar to their High Excellencies the High Indian Government at Batavia, received the 3rd of June 1734. This letter from Pangerang Ngabehi Lor ing Pasar, who is at the Cape, is sent, under his manifold greetings, to Mr. Dirk van Cloon, Governor-General, and the collective Councillors of India, protectors of the realm and rulers over many nations who are under the dominion of the Company at Batavia, and who rule in all justice, whereby their subjects live peacefully under the shadow of their royal throne, and who also do not tolerate that outrage be done to their subjects, but put in the wrong him who is in the wrong, and on the other hand also cause justice to be obtained 125 From Cape of Good Hope under date 17th of February 1734. for him who is in the right; who are therefore renowned among all the peoples in distant and foreign lands. May God bless their High Excellencies with long life and prosperity, and also increase their highness and dominion as long as the revolution of the sun and moon shall be, to distinguish day and night. Furthermore, there is presently nothing from me that can serve as a token to the Lord Governor-General and the Councillors of India, except only this single letter as proof that I am still alive at the Cape; and that which I pray the Lord Governor-General and Councillors of India for is, in case they might have compassion on me, who am a poor, destitute, and base person without equal, that they may be pleased to move me to a land of warmer climate, as this land is very cold, and I can no longer endure remaining to live in the cold climate of this land, the Cape, because I have grown old and find myself very weak; therefore it is no longer with me as it was in former times. Further, From Cape of Good Hope under date 17th of February 1734. Furthermore, I inform the Lord Governor-General and Councillors of India that I am at the Cape with an allowance from the Company of 26 1/2 rixdollars per month, but therewith I cannot manage to subsist monthly with wife and children, because for house rent alone 8 rixdollars per month is spent. If then the Lord Governor-General and Councillors of India have pity on me, I request that they please increase my allowance a little, as I live very miserably at the Cape, and cannot subsist on that which is allocated to me; for that I still remain alive is to be attributed solely to God's omnipotence. I also request that you please reply to this. Written at the Cape on Sunday the 14th of February 1734. underneath: For the translation, was signed: J.s Simon. Register of the letters and papers which under today's 127 From Cape of Good Hope, the 19th of March 1734. today's date are dispatched from here to his High Excellency, my Lord the Governor-General Mr. Dirk van Cloon and the Honorable Lords Councillors of India at Batavia by the ship Adrichem, namely: No. 1. Original letter addressed by the Honorable Lord Governor Jan de la Fontaine together with the Council to his High Excellency and the Honorable Lords Councillors aforesaid. 2. Written separately by the said Lord Governor concerning the secret signals and flags that will be displayed from the Lion's Head and Signal Hill for the return ships of the coming year. 3. Authentic copy of the letter written from here on the 17th of February last to their Right Honorable Grand Worships the Lords of the High Indian Government by the provision ship Haaxburg. 4. Extract of the resolution taken here on the 11th of the aforesaid month of February with regard to the short-fall on From Cape of Good Hope, the 19th of March 1734. on the cargo of the aforesaid vessel. No. 5. Original demand of requisites for this Government for the following year 1735. 6. Bill of lading, invoice of the shipped tin, elephant tusks, medicinal drugs etc. in the aforementioned ship Haaxburg. 7. Authentic copy of the general letter consigned to their Right Honorable High Worships the Lords Seventeen, and departed with the return fleet that recently departed from here, being dated the 25th of February of this year. 8. Two authentic copies of postscripts, both under the 1st of this current month of March, addressed as before. No. 10. Authentic copy of the missive received from the highest-mentioned Lords Seventeen by the bearers hereof, dated September 1733.
Dutch transcription
123 Van Cabo de goede hoop den 17:' feb: 173 waar aan de nodige provisien ten eersten zullen toegesonden malkanderen geweest, wanneer het schip Lagepolder het na zee heeft gelegt, en dit schip De visch gelijk gesegt is, dis anderen daags inde Saldanhabaij is komen aan te landen, werwaarts de hier toe iets vervaar„ „digde brigantijn fijenoord, met de eerste bequame wind staat te werden afgesonden worden om de nodige provisien, drinkwater, broden„ en moeskruijden tot ververssing voor het scheeps„ „volk, aandeekiel toe te brengen, welkers opperhoofden met eenen gerecommandeert is geen gelegentheijd te versuijmen, om dese rheede ten spoedigsten doenelijk te bestevenen. Waar mede desen besluijtende beveelen wij uwe wel Edele groot agtbare personen met de gewigtige belangen der E: Comp:e inde beschermin„ „ge Gades, en blyven met veel onderdanigheijt (:onderstond:) Wel Edele, Erntfeste, groot agtb:, manhafte, wel wijse, voorsienige, seer genereuse Heere, en Edele Heeren /:lager:) uwe wel Edele groot agtb: seer onderdanige en gehoorsame Dienaren /:was getekend:/ Tandela fontaine, A: V: Kervel, D V: D: Henghee, J: T: Rhenius, N=s Heijning H: Swellengrebel, C Brand, R: Tulbagh, in Van Cabo de goede hoop onder dato 17:' feb: 1724. /:in margine:/ In't Casteel de goede Hoop den 17:e februarij 1734. Translaat malaijse brieff geschreeven door Pangerang. Agabeilor Hieng Sasar, aan haar hoog Edelheedens de hoge Indiase regeering te Batavia, ontfangen den 3:' Iunij 1734. 2 Disenbrief van Pangarang Ngaber lor„ „hieng Pasar die aan de Caabis, werd onder derselver veelvoudige groete gesonden aan M:r Dirk van Cloon Gouverneur generael ende gesamentlijke raden van India, beschermers van't Koninkrijk, en regeerders over veele natien, die onder de heerschappije van de Comp: te Batavia zijn, mitsgaders in alle regtmatigheijt heerschen, waar door denselver onderdanen gerustelijk leeven onder de schaduwe van derselver Konink „lijke troon, ook niet endulden dat hare onderdanen overlast geschiede, maar die ongelyk heeft, in't ongelijk stellen, en daar en tegen die gelijk heeft, ook gelijk doen C 125. Van Cabo de goede hoop onder dato 17:' feb: 1734. doen erlangen, die dierhalven beroemd zijn onder alle de volkeren in verre en vreem„ „de landen; God zeegend haar hoog Edelhee„ „dens met lang leeven en voorspoed, en ver„ „meerdere ook derselver hoogheijd en heerschap„ „pije so lange zal wesen den ommeloop van zon en maan tot onderscheijd van dag en nagt Wijders is er tans niets van mij om te kon„ „nen dienen tot een oogteeken aanden heere gouverneur generaal en de raden van India, als eenelijk desen enkelden brief tot bewijs dat nog in't leven ben aande Caab, en't geene daar ik den heere gouverneur Generaal ende raden van India om bid, is (: bij aldien mede dogen mogten hebben over mij die een arm, behoeftig en slegt mensch is zonder weerga:/ dat gelieven mij te verplaat„ „sen na een land van warmer Climaat, also intit land zeerkoud is; en ik niet tanger uythanden kan te blyven wonen in het koude Climaat van dit land Decaab, want oud geworden ben, en mij Veerswak bevind, dierhalven zodanig niet meer met mij is als geweest ben ont vorige tijden voorts Van Cabo de goede hoop onder dato 17:' feb: 1734. — Voorts adverteere den heere Gouverneur Generaal ende raden van Jndia, dat ik aan de Caab ben, met een alimentatie vande Comp.:e van ƒ 26½ rx:s per maand, dog daar mede kan ik niet toerijken oms maandelijx met vrouwen kinderen van te subsisteeren omdat alleen voor huijshuur 8 rd=s 's maends verwoond, bij aldien dan den heere Gou„ „verneur generaal ende raden van Jndia er barming met mij hebben, zo versoeken dat gelieven mijne alimentatie weijnigje te ver„ „meerderen, also seer anmoedig aan de Caal woond, en met het geene mij toegelegt E: niet bestaankan, want dat ik nog in't leven blijft, is alleenig Godes almagt toe te schrijven, ook versoeke ik dat hier op gelie„ „ven te andwoorden. — Geschreeven aan de Caab op Sondag den 14=e februarij 1734. /onderstond:/ voor de oversetting (:was getekend:) J=s Simong. Register der brieven en papieren, dewelke onder huidigen ƒ 6 127. Van Cabo de goede hoop den 19:' maart 1734. huijdigen datum van hier werden afge„ „sonden, aan sijn hoog Edelheijd, mijn Heere den Gouverneur Generaal M=r Dirk van Cloon ende de Edele heeren raden Van India tot Batavia per het schip Adrichem namentlijk. — N=o 1. origineele missive door den Edelen heer gouver„ „neur Ian dela fontaine benevens den Raad, aan sijn hoog Edelheijd ende de Edele heeren raaden voorm=t gecarteerd. G 9: _:o bij gedagte heer gouverneur — apart gesz: wegens de geheijm„ „zeijnen, en vlaggen die voorde retourscheepen des aanstaanden Iaars van den leeuwen copenbel werden vertoond. 3. Copia authenticq brief onder den 17=e feb: Jongstlee„ „den van hier gesz: aan haar wel Edele groot agtb: de heeren der hoge indische regeering pr provisie schip Haaxburg. — 4: Extract resolutie op den 11:' der voorm: maand februarij alhier genomen, ten op sigte van het te kort komende Op. - - 2. - Van Cabo de goede ho p den 19=e maert 1734. — - op de lading van voorsz: bodem N:o 5. Origineelen Eijsch van benodigtheeden voor dit Gouvernement in't volgen„ „de Iaar 1735. — 6. Cognoscement factuur van de afgescheepte tain, oliphants tanden, me„ „diechale drogues k in meer„ „gem: schip Haaxburg 7. Copia authenticq generalen brief aan haar WelEdelen hoog agtb: de heeren seventhienen, geconsigneerd, en met de jongst van hier ver„ „trockene retourvloot afge„ „gaan, zijnde gedateerd 25=en februarij deses: Iaars: authenticq nabrief jes: beyde. onder den 1:e deser lopende maand maart als voren Copia authenticq missive met brengers deser van hoogstgemelte heeren zeventhienen ont„ „fangen gedagtekend. September 1733. — gerigt. — 8 Twee Copien No. 10 -