Inventory 2842
Surat · 660 pages · 295 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
205. From Malabar, under date 8 March Anno 1754. From Malabar, under date 8 March Anno 1754. The officials of Cannanore communicate by their letter of 29 October last that they have duly received the 13000 rupees which, according to the resolution of the 22nd of the said month, were sent to them, and since some necessities on their requisition were still lacking, as well as cash for the payment of the contracted cardamom and pepper, the Lord Commander had sent the necessary goods and 2000 pieces of heavy gold ducats to Cannanore—since the stock of rupees is still very small—by one of the two native vessels recently returned hither, with which the members, as was also evident from the dispatched letter, completely agreed. The resident of Panani, by his letter of 31 December last, reporting hither that the Moors of Tirurangadi go out looting in parties, and that on two separate occasions he had thieves at night who greatly damaged the wall on the west side of the residency but stole nothing, therefore requesting six armed Lascarins because the Moors are not to be trusted, and that the residency may be repaired since all the bamboos have decayed through the passage of time; it was therefore approved for the aforementioned reason to station 6 armed Lascarins at Panani, and to authorize the resident to have the residency repaired in an economical manner; it was further approved to send 3000 rupees to Panani via Chetwai, which the resident requested to pay for the contracted beams delivered to Calicut, the Lord Commander informing the members that the boat Cranganore had returned from Panani with 129 7/10 corges of cowhides, which will also be shipped to Ceylon at the first opportunity. The ship Pijlsweert having arrived here the day before yesterday from Batavia with a covering letter from Their High Excellencies dated 15 September last, it was approved and agreed to have this vessel—with which the Lord Commander had already made a start so as not to lose time—discharged of its brought cargo as quickly as possible, in order to be able to return to Batavia early with what is on hand, and this in compliance with the numerous serious orders of the High Government regarding the dispatch of the ships; Having also arrived here today from Galle with the cargo of the ship De Spaarsaamheid the ship Zuijderburg, which was also agreed to have unloaded as fast as possible, and then to be sent back to Ceylon with the pepper that has already been delivered and is expected to be brought in meanwhile; the ministers of Galle having given notice by their received letter of 23 October last that from the cargo of the aforementioned ship De Spaarsaamheid, 192562 1/2 lb or 154 1/5 picols of dried Cheribon areca nut have been sent to Nagapatnam, and furthermore the following was retained at Colombo and Galle, namely: At Colombo: 10 barrels of beer 69737 lb of powder sugar in 200 canassers At Galle: 13416 lb of powder sugar in 40 canassers 1427 lb of candy sugar in 4 canassers 2 barrels of tar 212 1/4 ells of scarlet broadcloth in 4 pieces 69 ells of purple violet broadcloth 163 ells of crimson velvet 215 ells of purple velvet 2 pieces of unserviceable brass cannon of 2 lb 15 pieces of unserviceable brass cannon of 1 lb 4 pieces of unserviceable brass cannon of 3/4 lb [illegible] of 1/2 lb 1/5 piece of an unserviceable brass 18-pounder 139 pieces of unserviceable brass chambers 44 pieces of unserviceable brass swivel guns 1 piece of unserviceable mortar of 7 inches Next was also read the Colombo letter dated 3rd instant, in which the ministers communicate that they have received our letters of 10 August and 22 October last, that the new sloop De Johanna Catharina has already arrived there and is to be sent back at the earliest, and since the ministers could not send more than 50 soldiers under command of the Ensign Johan August Kaijzel hither per Zuijderburg because the other homebound ships had not yet appeared, it was agreed to request Their Honours, upon arrival of the said ships, to assist the Malabar with some more men in place of those who, by order of Their High Excellencies, were ordered from here to Surat per Den Admiraal de Ruijter. For the forwarding of the 10000 lb of gunpowder, although not requisitioned, it was agreed to thank the ministers, and to grant the bookkeeper Hendrik Beijnenberg further transport to Surat by the first shipping opportunity, whither the elephant tusks and other goods found under the cargo of De Spaarsaamheid for this directorate will also be forwarded. From the commissioners of the fanam mint a report having been submitted of old and worn Cochin fanams that were melted down and renewed up to the ultimate of August last, showing what the Company profits from it and how many old fanams remain under their responsibility, it was agreed to forward the aforementioned report for the speculation of Their High Excellencies with this. 207.
Dutch transcription
205. Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 8„e maart A„o 1754. De bediendens van Cannanoer Communiceeren bij hun briev van den 29„e 8ber: pass„o dat zij de 13000: ropiaes welke hen blijkens besluijt van den 22„e der gem: maand toegesonden zijn, behoorlijk ontfangen hebben, en vermits nog eenige benodigtheden op hun eisch manqueerden als mede Contanten tot afbetaling van de gecontracteerde Cardamom en peper, so had den heer Commandeur de be„ „nodigde goederen en 2000: p„s goude wegtige ducaten door dien den voorraad van ropijen nog maar zeer gering is, na Cannanoor doen zenden per een van de twee Jingst nader„ „waards geretoutneerde inlandsche Vaartuigen, waar mede de leden, die zulks uit de afgesonden brief ook alge„ „bleken was, volkomen Conformeerde; Den resident van Pananij bij zijn briev van den 31„ xber: J„o leden dit heen komende te brngten, dat de moren van Terwalangadij bij parthijen uit roven gaan, en dat hij tot twee diverse malen dieven bij nagt gehad heeft, welke de muur aan de westzijden van de residentie grote„ „lijks beschadigt, dog nits gestolen hebben, versoekende dierhalven om ses gewapende Lascorijns, dewijl de moren niet te betrouwen zijn, en dat die residentie mag gerepa„ „reert werden, vermits al de bamboesen door de langheid des tijds vergaan zijn, so is om voorsch: reden goedgevonden 6: gewakende lascorijns op Pananij te plaatsen, en den re„ „sident te qualificeeren om de residentie op een zuijnige wijse te„ te laten verhelpen; zijnde wijders goedgevonden over Chettua na Pananij te senden 3000: rop„s, waar om den resident versogt heeft tot het afbetalen van de genegotieerde balken, „die tot Calicut gelevert zijn, gevende den heer Comman„ „deur de leeden te kennen, dat de bood Cranganoor van Pananij te rug gekomen was met 129 7/10. Corgies hoehuiden, welke bij eerste occasie mede voor Ceilon zullen werden afgescheept. — Het schip Pijlsweert op eergisteren van Batavia alhier g'arriveert zijnde onder een geleij briefje van Haar hoog Edelhedens gedateert 15„' September pass„o, so is goedgevonden en verstaan desen bodem, waarmede den heer Commandeur om geen tijd te versen al een begin had laten maken, van zijn mede gebragte lading ten spoedigsten te doen decharge„ „ven, ten einde vroegtijdig met het geen men aan handen hebben zal, na batavia te kunnen te rug keeren, en zulks ter voldoening aan de menigvuldige Ceneuse ordrek van de Hooge Regeering op het stuck van de depache der strepen; Zijnde op heden hier ook van Gale met de lading van het schip de Spaarsaamheid aangekoomen het schip Zuijderburg, 't welk mede verstaan is, so vas als mogelijk zijn zal, te doen ontlossen en dan met de peper, die reeds gelevert is, en intusschen nog laten staat Van Mallabaar onder dato 8„e maart A„o 1754. Van Mallabaar, onder Dato 8„' Maart A„o 174. staat aangebragt te werden, na Ceilon terug tezinden, werdende door de ministers van Gale bij hun ontfangen biev van den 23„e 8ber: J„o leeden kennis gegeven, dat uit de lading van 't voormelte schip De Spaarsaam„ „heijd 192562:/½:lb ofte 154 1/5: picols gedrogde Che„ „ribonse arreek na Nagapatnam versonden zijn, mits„ „gaders tot Colombo en Gale aangehouden is het vol„ „gende, te weten. Tot Colombo 10: Vaten leeuwenrbier 69737: lb poeder zuiker in 200: kanassers Tot gale 13416: de korderdulker in 40: kandssers _=o 1427: „ Candij „ 4. 2. vaten Theer 212¼. l: laken, schairood aan 4: stuken 69. –„ _„o purker violet 163. „ fluweel Carmosijn purper _„o 2000 215. „ d„o 2. p„s onbeq: metale Canons van 2: lb 15. „ d„o d„o d„o - - „ 1. „ 4. „ - - - „ — - -„ - - - - „ - - „ ¾„ --„ - - - „— --„ - - . „ -½. „ — /5. „ van een onbeq: metale 18: ponder 139. „ onbeq: metale Camers, 44. „ d„o d„o bassen 1. - „ d„o mortier van 7 d=m Vervolgens wierd ook gelesen de Colombose briev gedateert 3:' Courant, waar bij de ministers Communice„ „ven, dat zij onse brieven van den 10: aug:s en 22„e 8ber: pass„o ontfangen hebben, dat de nieuwe Chialoup De Voor de toezsending van de 10000: lb buskruijd schoon ongeischt, is verstaan de ministers te bedanken, en den boekhouder Hendrik Beijnenberg per eerste scheepsoc„ „casie verder transport te verlenen na souratta, verwaards dan ook zullen werden voortgezonden de Eliphants tanden en andere goederen, die onder de Lading van De Spaarsaam heijd voor dese directie gevonden zijn; Van wegens de gecommitteerdens tot de fanums mintenije ingekomen zijnde een rapport van oude en versletere Cochimse fanums, die tot ult=mo aug„s pas„o vermolten en vernieuwrt zijn, met aantoning wat de Comp: daar op profiteert, en hoe veel- oude fanums onder hunne verantwoording blijven, so is verstaan Voorsch: berigt tot speculatie van Hater Hoog Edelheedenes bij Johanna Catharina aldaar bereet g'amviert is, en ten eersten staat te rug gesonden te werden, en dewijl de ministers niet meer als 50: militairen onder Comman„ do van den Vaandrigj Johan August Kaijzel per Suijderburg hebben kunnen herwaards zenden, doordien de andere bhaarse schepen nog niet waren komen opdagen, so is verstaan haar Edeles te verzoeken om bij arrivement van gem: schepen de Mallabaar met nog eenige man„ „schappen te willen adsisteren, in steede van de geenen die ter ordre van Haar Hoog Edelhedens per Den ad„ „miraal de Ruijter van hier na Couratta gecom„ „mandeert zijn; Johanna dese 207.
English
209 From Malabar under date 8 March anno 1754. From Malabar under date 8 March anno 1754. to have this resolution incorporated. — To the Honorable, Most Worshipful Sir Fredrik Cunes Commander and Chief Ruler of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla. Honorable, Most Worshipful, Ruling Sir! In compliance with Your Honorable, Most Worshipful, highly esteemed order, we have successively up to the last of August past received from the Honorable Nicolaas Bowijn, Senior Merchant, Chief Administrator, and Second of this Commandery: 66800 rixdollars in old, worn, and non-current Cochin fanams, which having been melted down and renewed by the Canarese mintmasters Jeanna Camottij and Ranga Zinaij, we have delivered to his Honor above-mentioned new fanams: rixdollars 51700: -. -. consequently, a loss amounting to 7 1/16 per cent and 2 for minting wages old fanams: rixdollars 4685 7/16. the profit thereon being 3 7/16 old fanams: 1777: 3/16. or new ditto rixdollars: rixdollars 1629 1/2 remaining, under our responsibility, to be made into new fanams: 8637. 1/2 / 15100: –. -. Sum total rixdollars 66800:—. Wherewith, with deep respect, we testify to be, undersigned: Honorable, Most Worshipful, Ruling Sir, Your Honorable, Most Worshipful's humble servants, was signed: Dirk Hendrik Westphal, and Laurens Trogh, in the margin: Cochin, the 17 November anno 1753. — Furthermore, there was produced the translation of an English letter which the administration of Tellicherry addressed to the Commander and Council here under date 3 of this month regarding the cargo of a certain English ship named The Elizabeth, which ran aground on Chinala, one of the Laccadive Islands, which cargo by the Governor Gentlemen. We send this Pattamar Express to make known to Your Honors that on the 5 July past an English ship named Elizabeth unfortunately ran aground on Canala, one of the islands of the Laccadives, being under Ali Raja, chief of the Moors at Cannanore. The goods were unloaded onto the shore, for the governor of that place promised to return them, but he failed to keep his word, for after the goods were brought ashore, he sent all of them to his lord Ali Raja, whom I have several times requested to return them, but he denies having received them. He was advised by the Chief Weyerman to send them to Cochin, whereupon he sent our vessel so that it could be sold there by Mr Banister, who crossed over with it. We send herewith a list of the goods that were unloaded out of those islands to Ali Raja as overlord would have been transferred; and subsequently, upon the advice of the Cannanore Chief Weyerman, were sent by a certain Mr Banister to Cochin to be sold there, notwithstanding the numerous requests which the English gentlemen have made to Ali Raja for the restitution of those goods, as appears more circumstantially from the following translation. To the Honorable, Most Worshipful Sir Fredrik Cunes Commander and Chief Ruler of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla, together with the Honorable Political Council. of that Elizabeth f f
Dutch transcription
209 Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 8„e' Maart A„o 1754. dese resolutie te laten inlijven. — Aan den E: E: Agtb: Heer Fredrik Cunes Commandeur en oppergebieder de Custe mal„ „labaar Canara & Wingurla. EE Agtb: welgebiedende Heer! Jn naarkoming van VE: E: agtb: hoog g'eerd bevel hebben wij succes„ „sivelijk tot ult„o aug„o pass„o van d' E: heer Nicolaas Bowijn opper„ „koopman, hoofdadministrateur en secunde deser Commanderije ontvan„ „gen; 66800: rd„s aan oude versletene en ongang bare Cochimse Jan„s dewelke door de Cannarijnse muntmeesters Jeanna Camottij en Ranga Zinaij versmolten en vernieuwt zijnde, hebben wij aan zijn E: boven gem: overgegeven nieuwe fa„ „nums-- rd„s 51700: -. -. dies belopen verlies van 7 1/16. p„r C„t en2. „ wegens mak loon oude fanums- —2d„s 4685 7/16. d„s wnst daar op ofte 3 7/16. oude f„s 1777: 3/16. ofte nieuwe d=os rd„s dd„s 1629 ½„r blijvende, onder onse verantwoording, om tot nieuwe J„s gemaekt te werden - - -- „ 8637. ½ „ 15100: –. -. Somma Rijxd„s 66800:—. Waarmede met diepe eerweet betuijgen te zijn /:onderstond:/ E: E: agtb: welgebiedende Heer, VE: E: agtb: onderdanige Dienaren (:was ge„ „tekend:/ D„r h„k westphal, en L„s Trogh, /:in margine:/ Cochim den 17: November A„o 1753. — Voorts wierd geproduceert het translaat van een Engelsche bier die het ministers van Tallicherij aan den Commandeur en raad alhier sub dato 3:' deser gecarteert heeft over de lading van zeker Engelsche schip D' Elisabeth genaamt, dat op Chinala een der Lekkendiwole Eilanden gestrandis, welke lading door den gouverneur Heeren. Wij senden Exhres dese Pattamaar om VE: E: agtb: bekent te maken dat op den 5:' Julij: pass„o een Engels schip genaamt Elisabeth ongeluckiglijk gestrand is op Canala en van de Eijlan„ ben der Lacordiva staande onder adiragia hoofd van de mooren tot Cannanoor de goederen zijn aan de wal afgescheept want den gouverneur van die plaats heeft belooft om deselve weder te geven dog hij heeft zijn woord gemanqueert want na dat de goederen aande wal gebragt zijn, heeft hij alle deselve gesonden aan zijn heer adiragia, aan wien ik verscheide malen heb la„ „ten versoeken om terug tegeven maar hij negeert dat hij se niet ontfangen heeft, hij is aangeraden door het opperhoofd weijerman onna Cochim te senden waar na tot hij ons vaarteuig gesonden heeft, om het daar verkogt te worden door M„r Banister die daar mede is overgevaren, wij snden hier nevens een liste van de goederen die afgescheepte in uijt dier eijlanden aan Adij Ragia als opperheerzoude overgemaakt; en vervolgens op aanrading van het Cannanoors opperhoofd Weijer„ „man per zekeren M„r Banister na Cochim gesen„ „den zijn, om aldaar verkogt te werden, niet tegenstaande de- menigsuldige instanties, die zij heeren Engelschen tot recnuswering van die goederen bij Adij Ragia Ziden - gedaan hebben, so als omstandiger uit het ondervolgende translaat Consteert. Aan den E: E: Agtbaren, Heer Fredrik Cunes Commandeur en oppergebieder der Custe mallabaar Canara en Wingurla benevens den E: Potiticquen Raad. dier Elisabeth ƒ ƒ
English
241. From Malabar, under date 8 March anno 1754. From Malabar, under date 8 March anno 1754. Elisabeth on the island Cunala, your honors may please not to innovate the contrary of this action in the union and friendship which is maintained between the two nations, and therefore we expect that your honors will reproach the one here for such liberty, as well as forbid the sale of the goods and restore them to us, by which your honors will greatly oblige us. We remain with respect, [below stood:] Gentlemen, your honors' affectionate and obliged servants, [was signed:] F:s Dorrill and Tho:s Satchnell. [In the margin:] Tellicherry, the 3 November anno 1753. [Lower:] For the translation, Cochin, the 8 November 1753, [signed:] H: V: d: Linde, sworn translator. And as this affair is unknown to us, the Commander here found it appropriate to request the necessary information regarding this from the servants of Cannanore by a letter signed by the members; however, since it was found upon inspection that in the vessel with which the said Banister was brought here, no other goods than a little sandalwood were transported, and nothing at all of all that is specified on the lists that were sent hither from Tellicherry, the Commander deemed it expedient to reply to the English gentlemen with such an answer as is inserted below. Tellicherry. To the Honorable Mr. Thomas Dorrill, Commander on behalf of the Honorable English Company, together with the Council there. Honorable Sir, and Gentlemen, and much-esteemed friends. We have received your honors' letter of the 3rd current, and from it [seen] Furthermore, the Commander communicated to the meeting how his Honor had learned not only from the Company's letters, but also from the mouth of the overseer, that frequently in the Company's Conquest Paponetty many irregularities and disorders were committed by the Moors, without it being properly known whether this occurs through strangers coming in from outside, or by those themselves who reside in the Conquest; and that his Honor had for that reason seen fit to order Captain Mendes and the overseer to send a full roll of all the Moors who reside in the Conquest, and thereby to make known what each person's trade and occupation is; and now that such a [roll] seen what is said to have occurred regarding the English stranded ship called the Elisabeth and its salvaged goods, with relation to the Moorish regent Ady Raja and our Chief Weijerman, from whom we shall demand the necessary information concerning this affair; while your honors may please to know that in the vessel with which Mr. Banister arrived here, no other goods were found than a quantity of sandalwood, and nothing of what is made known on the list sent by your honors. For the rest, your honors may please be assured that we on our part will always endeavor to preserve the harmony that takes place between both nations, and remain with respect, [below stood:] Honorable Sir and Gentlemen and much-esteemed friends, your honors' friends and servants ready to serve, [was signed:] P:r Cunes, N:s Bowijn, [illegible] J:n Feith, M: H: Beijts, Ad:s V:n Rechten, H: V: d: Steeg, and D:l G: Westphal. [In the margin:] Cochin, the 13 November anno 1753. From Malabar, under date 8 March anno 1754. From Malabar, under date 8 March anno 1754. roll has been sent over of 102 Moorish families consisting of 281 heads who live in the Conquest, and partly conduct trade, though for the most part live by fishing and other minor occupations, the Commander proposed to appoint a head over these Moors, who would have to observe and answer for the conduct and actions of his people, as well as give proper notice of all occurrences to the overseer, and would also be obligated, in case of need, to let his subordinates be employed in the service of the Company. This being regarded and approved by the meeting as a good work, it was resolved to write to the overseer that he shall have three or four of the wealthiest and most principal Moors, who are of esteem and prestige among their nation, come hither, so that from them one may be chosen and appointed by the Commander as head to such a good end as indicated here above. Cochin, date as above written. [Was signed:] Fredrik Cunes, N:s Bowijn, D:l Bos, Feith, M:s H:k Beits, Anthonij van Vechten, [illegible] v: d: Steeg, and D:l H:k Westphal. Finding drawn up and submitted by the undersigned First Head Administrator to the Honorable Fredrik Cunes, Commander and Chief Authority of this Coast, together with the Political Council, concerning the shortages, etc., of the various goods from the ship Zuijderburg brought from Ceylon for this Commandery, being the cargo that was unloaded there by De Spaarsaamheijd from Batavia, according to sworn reports received from the commissioners who were present here at the unloading of the same, and the reply thereof. Submitted by the Principal Head Administrator, being a finding of the delivered cargo of the ship Zuijderburg brought from Ceylon for this Commandery, being the same that arrived from De Spaarsaamheid from Batavia and was unloaded there; so, after resumption of that document, under the favorable approval of Their High Mightinesses, such disposition was granted thereon as follows below. Tuesday, the 4 December anno 1753. Exempted: The Honorable Feith due to pressing business in the Company's warehouse. Tuesday 213
Dutch transcription
241. Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder dato 8„e Maart A„o 1754. Elisabeth in 't Eijland Cunala VE: E: agtb: gelieve niet teten„ „noveren het Contrarie van dese actie in de unie en vriendschap 't wek geconserveert werd in de twee natien en daarom verwagten wij dat UE: E: agtb: dien hier zal reprocheeren over zulke vrij„ „hijd mitsg„s het verkopen van de goederen te verbieden, en die aan ons terestitueeren, waar door VE: E: agtb: ons grotelijks zal verpligten wij blijven met agting /:onderstond:/ Heeren VE: E: agtb: genegene en verpligte Dienaren /:was getekend :/ F:s Dorrill en Tho=s Satchnell /:in margine. Tallicherij den 3„e November A„o 1753. /: Lager:/ voor de translatie /. Cochim den 8„e Novem„ „ber 1753. /:getve:/ H: V: d: Linde gesw: translateur En aangesien die affaire ons onbekend is, so had den hier Commandeur goedgevonden de bediendens van Cannanoor bij missive welke de leden getekend hebben, de nodige informa„ „ties dierwegens aftevorderen, dewijl men egter bij visitatie bevonden heeft dat in het vaartuig waarmede gem: Banister hier aangebragt is, geen andere goederen als een weinig zandelhoud overgebragt zijn, en miets van al het geen dat gespecificeert staat op de Eijsten die van Tallichenij zijn herwaards gesonden, so had den heer Commandeur dienstig g'oordeeld sodanig antwoord aan te heeren Engelschen te rescribeeren als hier onder staat g'insereert. Salicherij Aan den Henorallen Heer Thomas Dorriel Commandant wegens de honorable Engelsche Compagnie nevens den raad aldaar. Honorable Heer, in Heeren en veel g'agte vrienden wij hebben VEiE: missive van den 3„e Courant ontfangen en daar uit Wijders Communiceerde den heer Commandeur de vergadering hoe dat zijn E: niet alleen uit 's Comp:s brie„ „ven, maar ook uit de mond van den opsiender vernomen had, dat menigmnaal in 's Comp:s Conquest Paponettij veele ongeregtelt heden en wanondres door de mooren gepleegt werden, sonder dat men regt weten kan, of zulks geschied door Vreemden, die van buiten inkomen, of door de genen zelv die in 't Conquest geseten zijn, en dat zijn E: am die deden goedgevonden had Capitain Mendes, en den opziender te getasten om een volle over tesenden van alle de moren die in 't Conquest woonagtig zijn, en daar bij bekend te stellen, wat ieders nering en kandtering is, en nadien nu sodanige gesien het geen omtrend het Engels gestrandschip d' Elisabith gen„t en dies gesalveerde goederen zoude zijn voorgevallen met re„ „latie tot den moors regent adij Ragia en ons opperhoofd weijer„ „man, van wien wij aangaande dese affaire de nodige informa„ „ties vorderen zullen, terwijl VE: E: gelieven teweten dat in 't vaartuig waarmede M:r Banister hier aangekomen is geen andere goederen als een parthij zandelhoud ge„ „vonden zijn en niets van 't geen dat op VE: E: overgesonde„ „ne lijste is bekend gesteld; voor 't overige gelieven VE: E: versekert te zijn dat wij van onsen kant de harmonie die tusschen beide de na„ „tien plaats heeft altoos zullen tragten te conserveren, en met respect verblijven /:onderstond:/ Honorable heer en Heeren en veel g'achte vrenden, VEd: Dienst bereijde, Vrienden en Dienaren, /:was getekent:/ P„r Cunes, N„s Bowijn, g„t J„n feith, M: h: Beijts, Ad„s V„n rechten, h: V: d:t Steeg, en D:' G: Wostphal /:in margine:/ Coc„ „him den 13„e November A„o 1753:— gesien rol - Van Mallabaar onder Dato 3„' Maart A„o 1754. Van Mallabaar, onder Dato 8„' Maart A„o 1754. rol is overgesonden van 102: monsche familien bestaande en 281. koppen welke in 't Conquest woonen, en voor een gedeel„ „te handel drijven, dog voor het meeste van visschen en andere geringe handtenngs leven, so proponeerde den heer Comman„ deur om enhoofd over dese moren aantestellen, die het ge„ „dragen handelingen van zijn Volk zoumoeten gade slaan en verantwoorden, mitsg„s aan den opseender Van alle Voorvallen behoorlijke kennisse geven, en ook soude verpligt zijn, om des noods, zijn onderhebbende te laten gebruiken ten dienste van de Comp:e 't geen bij de Vergadering als een goed werk aangemerkt en g'approteert zijnde, so wierd besloten om den opsiinder aanteschrijven, dat hij drie â Vier van de gegoedste en principaalste moren, die van agting en aanzien on„ „der kunne natie zijn, sal hebben dit heen te laten komen, om daar uit door den heer Commandeur een tot hoofd verkosen en aangesteld te werden tot sodanig een goed einde, als hier voren is aangewesen. Cochim dato voorschre„ ven /:was getekend:/ i Fredrik Cunes N„s Bowijn, D„l Bos, Feith M=s H„k Beits Anthonij van vechten, 9„s 1„n d„o steeg, en D„l h„k Westphal:— Bevinding door den ondergetekende J„o hoofdad„ „ministrateur opgemaekt en overgege„ „ven aan den E: E: agtbaren heer Fredrik Cunes Commandeuren oppergebieder deser Custe benevens den politic quen raad wegens de minderheden &„a van de verse goederen her 't schip zuijderburg van Ceilon Voor dit Commandement aange„ „hagt, sijnde de lading die per De spaar= saamheijd van Batavia aldaar gelost is, volgens ingekomene seedigde rapporten der gecommitteerdens, die alhier bij de ontlossing derselve hebben gestaan, en waarvand' beantwoording. die deswegen Door den P„le hoofd administrateur in gediend zijnde een bevinding der uitgeleverde lading van 't schip Zuijderburg van Ceilon voor dit Commandement aangebragt zijnde deselve die uijt de spaarsaamheid van Batavia g'arriveert, aldaar ontlost is, so i sna re„ „sumpitte van dat schriftuur onder gunstige approba„ „tie van Haar Hoog Edelhedens daar op sodanige dispositie verleend als hier onder volgt. Dingsdag 1753. Den 4„e December A„o dempito D' E: Feeth door Pres= „santer besigheden in 's Comp:s Pakhuijs. Dingsdag door 213
English
From Malabar, dated 8th March Anno 1754. From Malabar, dated 8th March Anno 1754. also delivered here. Case no. 19, received unopened at Galle and so entered here. The captain requests that the accompanying be validated. To pay the redemption to the shipper, to repair at the designated place. In the Company's Provisions Warehouse: 3 barrels of bacon, out of the delivery of 10 barrels, were found unfit and the staves broken in pieces. In the Company's Trade Warehouse: 15 pieces of Portuguese Breviary, out of the delivery of 40 pieces in case no. 79, are missing, and the remainder damaged by cockroaches, though repairable. 40 pieces of Portuguese Diálogo Rústico, in the aforementioned case no. 79, damaged by cockroaches, yet repairable. 40 Portuguese question books, found in the same condition as above. 40 Diferença da Cristandade, item 1 [illegible] 16 1/3 bundles of quills in case No. 79, found damaged though serviceable, to be repaired. The aftermentioned merchandise has also been delivered into the Company's Warehouse by the authorities upon delivery, with write-offs permitted on their behalf, consisting of: 3 lb of elephant tusks out of the delivery of 609 lb, being 1/2 percent. 29 1/2 lb of Dutch iron out of 2945 lb, making 3/4 percent. The stated deficits may be written off to the warehouse: 92 lb of Dutch steel out of 12291 lb, being 3/4 percent. 11459 1/4 lb of powdered sugar out of 263950 lb, calculated at 4 1/2 percent. 372 1/2 lb of candy sugar out of 24844 lb, making 1 1/2 percent. 1/8 lb of yellow sheet copper out of 999 lb, being 1/16 percent. 1/8 lb of red sheet copper out of 1008 lb, being 1/16 percent. 1 1/16 lb of yellow latten brass out of 523 lb, making 1/6 percent. 30 7/16 lb of pig lead out of 49436 lb, being 1/16 percent. Cochin, the 4th of December Anno 1753. Signed: N. Bowijn; by the skipper Christian Hagen, whereupon Your Honorable Worships' disposition was requested. The decision given on this is noted beside it. Thereafter was read a Coromandel letter of the 25th of October last, in which the ministers communicate that the packet with secret papers, which was sent from here on the 20th of September, was brought thither only on the 10th of the aforementioned month of October, and was sent to Batavia on the native vessel of the Moorish merchant named Seydoe Poele, since, owing to the departure of the ships Woitkensdorp and De Hoop already on the 1st previously, no other shipping opportunity was at hand; furthermore, that the Honorable Extraordinary Councillor of Netherlands India, Mr. Librecht Hooreman, having received his discharge from the administration of the Coromandel government, departed for Batavia on the aforementioned vessel Woitkensdorp to take his seat at the High Table, and that the aforementioned Mr. Steven Vermont had succeeded His Honor in the government; which polite notification, made with a friendly invitation to maintain the former correspondence between these two western offices for the service of the Company under the present administration, it was approved and understood to answer in civil terms at the first opportunity. Following the communication from the Quilon servants in a letter of the 27th of November last, the sworn scribe there, Wijnandt Staats, being inclined to repatriate and therefore coming to request his release from this coast, it was decided to grant the request of this Staats, who has well overserved his assistant's contract and has always given reasonable satisfaction.
Dutch transcription
Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754. alhier ook uitgelevert. de kas n:o 19. ongopent tot gale ontvangen en sodanig hier in de Capitain versoekt dat de nevens gevalideert werden uitkoops aanden schepper betalen repareeren te de plaetste pestrr„ Jn 'sComp:s Provisie maguasijn de versoek Vaten zijntotege„ 3: - spekslaten op den aanbreng van 10: katen onbeq: en de duijgen aanstuckent bevonden, Jn 's Comp:s Negotie Pakhuijs. — 15:—: p„s portugjese Trevario op den aanbreng van 40: p„s in de kas n:o 79. tekort en de overige door de kac„ „kerlacken beschadigt dog reparabel. 40:—. „ portugese Diologo rustico in boven gem: kas no: 79: door de kackerlacken beschadigt egter reparabel 40: – „ portugeese wrage boekjes en voegen als boven bevonden. 40: —„ Differencia da Christonadade item 1: „ tortigs ates o 9 meren o 16 1/3 bosschen schagten, in de kas N„o 79. bescha„ te laten rehare„ „digt dog huijklaar bevonden. „ren. Denaartemeldene koopmanschappen hebben de overheden bij aanbreng onder meerder wegens haar gepermitteerd afschrijving in 's Comp:s Pakhuijs mede gelevert, bestaande in 3: lb Eliphants tanden op den aanbreng van 609: lb sijnde —½: p„r 29½. „ hollands ijser op 2945: d makende ¾. p„r Cto gestelde minderheden mogen 92. – „ hollands staal op 12291: lb zijnde ¾ p„r C„o 11459¼: „ zuijker roeder op 263950: lb berekende 112. p„r C„to 372½. „ Candij zuijker op 24844: lb makende 1½. p„r C„o — 1/8. „ geel plaat koper op 999: lb zijnde /16: p„r C„to — 1/8. „ roodplaat koper op 1008: lb zijnde /6 p„r Ct„o 1 — 1/16. „ geel latoen koper op 523: lb makende 1/6. p„r C=to 30 7/16 „ Zeugloot op 49436: lb sijnde 1/16. p„r C=to Cochim den 4„e December Anno 1753: /:was getekend:/ N„s Bowijn; door den schipper Christian Hage„ waar op VE: E: Agtb:re dispositie werd versogt. „rop is gegeven besijden deses getoagt Hier na wierd gelesen een Cormandelschen biev van den 25„e 8ber: pass„o waar bij de ministers Commenc„ „ceren, dat het pacquet met secrete papieren, 't welk van hier op den 20„e September versonden is, eerst op den 10„e der gem: maand 8ber: aldaar aangebragt, en met het in„ „landsch scheetje van den moors koopman Seijdoe Poele ge„ „naamt na Batavia gesonden is, dewijl door het vertrok van de schepen Woidkensdorp, en De Hoop al op den 1: bevorens geen andere scheeps occasie aanhanden was, voorts dat den Edelen heer Raad Extraordinair van Nederlands Jndia M„r Librecht Hooreman als zijn demissie ut het bestier van 't Cormandels gouvernement bekomen hebbende met gem: bodem Woitkensdorp, om sessie aan de hoge tafel tenemen, na Batavia vertrokken, en de heer Steven ver= mont wel gem: zijn Edele in 't gouverno opgevolgt was, wel„ „ke beleefde bekentmaking gedaan onder een Vriendelijke nodiging om de voorige Coroespondentie tusschen dese twee wetterse Comptoiren, ten dienste van de Comp: met het tegenswoordig inster ministen= te willen blijken Continueren, goedgevonden en verstaan, is bij eerste gelegentheid in Civile tennen te beantwoorden. Vervolgens aanschrijvens der Coilansche bediendens bij brier Van den 27„e November pass„o der gesw: seriba aldaar Wijnandt staads genegen zijnde te repatrieren, en daar om zijn verlossing van dese kust komende te versoeken, so is verstaan het versoek van desen staads, doe zijn adfistens verband ruim overgediend, en nog altoos een tamelijk genoegen het pakhuijs vergegeven. „ken laten Hier 215
English
217. From Malabar, under date 8 March Anno 1754. From Malabar, under date 8 March Anno 1754. to grant satisfaction given in his service, and in his place to appoint provisionally as sworn scribe the junior assistant Hendrik Hesseling, who upon his request has been favorably recommended by the officials for that office; Whereas the skipper of Zuiderburg, Christiaan Hagerop, has addressed this assembly by petition and requested that he, as the conveyor of the cargo from the ship De Spaarsaamheid to Cochin, might enjoy the allowances in sugar that are permitted to the ship's officers, it has been judged best and most appropriate, after considering the nature and contents of this petition, to propose the same to Their High Excellencies and meanwhile to have the petitioner appoint an authorized agent, in order to receive the permitted sugar, in case the High Government of the Indies might see fit to qualify the Malabar ministry for that release; and to present this request in its clear state, it has been further judged expedient to inform ourselves with the Ceylon ministers whether the granted portions for the ship's officers of De Spaarsaamheid have not been deducted from the sugar held at Colombo and Galle, the request of the aforesaid skipper reading as follows: The skipper of the Honorable Company's ship Zuijderburg lying here at the roads, Christiaan Hagerop, demonstrates to Your Honorable Worships hereby very respectfully that he, the petitioner, has conveyed and brought hither from Punto de Galle the cargo of the ship De Spaarsaamheijd, which could not make its voyage to Cochin, and now for that reason politely maintains that Your Honorable Worships could indeed grant and deliver to him, the petitioner, the permitted allowances of powdered sugar from the aforesaid delivered cargo against payment of the cost according to the invoice, with one-quarter rixdollar for each picol for the benefit of the Batavia farmer, in conformity with the resolution taken in that regard in the Council of India on the last day of August Anno 1751, the more so because the captain of the said ship De Spaarsaamheijd enjoyed nothing from the aforementioned cargo at Ceylon, and the petitioner has brought the goods to the place of their destination, requesting therefore that it may please Your Honorable Worships to allow the captain his permitted allowances from the sugar brought by him, to relieve the heavy and unavoidable expenses that the petitioner must incur during his stay in this city and elsewhere. Which doing, etc. Was signed: Christiaan Hagerop. In the margin: Cochin, the 26 November Anno 1753. To the Honorable Worshipful Lord Fredrik Cunes, Commander and Chief of the Coasts of Malabar, Canara, and Vingurla, together with the Political Council. Worshipful Lord and Lords. The aforesaid ship Zuijderburg having taken in the pepper that lay in stock here, 249. From Malabar, under date 8 March Anno 1754. The 12 December Anno 1753. From Malabar, under date 8 March Anno 1754. along with the cowhides and other necessities, it was resolved upon the proposition of the Lord Commander to let this ship depart tomorrow for the south, to take in the pepper that has been delivered at the outer stations as well, and convey it directly to Galle. Cochin, date as above. Was signed: F. Cunes, N. Bowijn, D. Bos, H. Dtk Beijlt, A. Van Vechten, G. V. d. Steeg, and D. H. Westschal. The meeting being opened with prayer, the Lord Commander communicated that the ship Zuijderburg had departed on the 5th of this month for the outer stations, in order to take in the pepper and cowhides lying there and convey them directly to Galle to be loaded onto the homeward-bound ships, and further that after long struggling, the bark Jaccatra destined for Persia had arrived here at the roadstead with a broken foremast and main topgallant mast, as appears from the following report of the inspection made. In pursuance of Your Honorable Worships' highly honored command, we the undersigned proceeded to the two-masted bark named Jaccatra lying here at the roads, to inspect the defects of the said vessel; we therefore have the honor, after a careful inspection thereof, to communicate the same to Your Honorable Worships in the following manner, with all respect and deference: that the foremast is broken in two at the height where the foresail yard or its parrel runs; also that spar is entirely rotted and decayed due to its age, as is its top, so that it will be necessary, if it pleases Your Honorable Worships, to prepare a new foremast and a top instead of the unserviceable ones presently standing therein, as well as a new main topgallant mast, because the previous one also came falling down in pieces from above with the breaking of the foremast. Wherewith hoping to have complied with Your Honorable Worships' highly honored command, we take the liberty to call ourselves with the utmost respect and deference, Honorable Worshipful Lord, Your Honorable Worships' humble and obedient servants. Was signed: J. Harsing and Wm Soijn. In the margin: Cochin, the 7 September Anno 1753. To the Honorable Worshipful Lord Fredrik Cunes, Commander and Chief of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla. All present.
Dutch transcription
217. Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754. genoegen in zijn dienst gegeven heeft te accorderen, en in zijn plaats tot gesw: senba sij prosisie aantestellen den Jong adsistent Hendrik Hesseling, die op desselfs verzoek door de bediendens tot dat ampt gunstiglyk is voorgedragen; Nademaal den schiepper van Zuiderburg Christiaan Hagerop zig bij request aan dese verga„ „dering g'addresseert en versogt heeft, dat hij als overbrenger van de lading uit het schip De Spaarsaamheid na Cor„ „him, de lasten mogt genieten, die aan de scheeps overheden in de zuij„ „ker gepermitteert zijn, zo is na overweging van de natuur en in„ houd deser instantie het best en gevoeglijkst g'ordeelt te zijn, deselve Haar hoog Edelhedens te proponeeren en intusschen door den requestrant een gemagtigde te doen constitueeren, ten fine die de gepermitteerde zuijker te kunnen ontfangen, in Cas De Hooge Regeering van Jndien mogt gelie„ „ven goed tevinden het Mallabaars ministerie tot die afgeeve te qualificeeren, en om dit versoek in zijn duidelijke gesteldheijt voorte draagen, is verder dienstig g'oordeelt m ons bij de Ceilonsche minsters te informeeren, of van de zuiker die tot Colombo en gale aangehouden is, d' g'accordeerde portien voor de scheeps overheden van De Spaarsaam, „heijd niet afgerekend zijn luijdende 't request van voorsz: schipper aldus. Den schipper van 't alhier ter rhede leggend 's Comp:s schip Zuijderburg Christiaan Hagerop Vertoont VE: E: Agtb:s bij desen zeer eerbiediglijk hoe dat hij supp„t de lading van 't schip De spaarsaamheijd, dat zijn reis na Cochim niet heeft kunnen gewinnen, van punto Gale herwaards overge„ „voert en aangebragt heeft en nu uit dien hoofde beleefdelijk sustineert dat door VE: E: agtb: aan hem supp„t wel souden kunnen werden vergunt en afgegeven de gepermitteerde lasten aan hoe„ „der zuijker uit voorsz: aangebragte lading tegens beta„ „ling van het kostende volgens het factuur met eenquart rd=s voor ieder picol ten behoeve van den Bataviasen pagter Conform de resolutie dierwegens genomen in rade van Jndia Lub ult„o aug„s A„o 1751. te eerder door dien den Capitain van 't genoemde schip De spaarsaamheijd niets uijt ge„ „mette lading op Cuilon genoten en den suppliant de goederen ter plaatse hunner distinatie aangebragt heeft, versoe„ „kende dierhalven, dat het VE: E: agtb: behagen mag aan den Capp„t uiit de door hem aangebragte zuijker zijne gepermitteerde las„ „sten te laten afgeven tot verpligting van de swaare en inver„ „meidelijke depensch die den supp„t geduurende zijn verblijfte deser steede en elders doen moet /:onderstond:/'T welk Doende &„a /:was getekend:/ Christiaan Hagerop /:in margine:/ Cochim den 26„en November A„o 1753:— Het voorm: chip Zuijderburg de peper, die hier in Aan den E: E: Agtb: Heer Fredrik Cunes Commandeur en opperge bieder der Custen Mallabaar Canara en Wingurla„ nevens den varr holiticquen raad. — Agtb: Heer, en Heeren. Aan voorraad 249 Van Mallabaar, onder Dato 8„' Maart A„o 1754. Den 12„en December Anno 1753. Van Mallabaar, onder dato 8„' Maart A„o 1754. Woo da Voorraad lag, met de koehuijden en andere noodwendigheden inge„ „nomen hebbende, Loch op de propositie van den heer Commandeur g'arresteert, dit schip op morgen na de zuijd vertrekken te laten, om de peper, die op de buiten Comptoiren gelevert is, mede intenemen en direct na Gale overtebrengen. dato voorschre Cochim ven /:was / getekend:/ F„ Cunes, N„s Bowijn„ D„ Bos, H: Dtk Beijlt, A„s V„n vechten, G: V: d: Steeg, en D„ H„k westschal. — De vergadering door het gebed g'opend zijnde, so Communiceerde den heer Commandeur, dat het schip Zuijderburg op den 5„e deser na de buiten Comptoir„ „ven vertrocken was, om d' aldaar leggende peper en koehuijden intenemen en ter bestorting van de Vaderlandsche reteurschepen direct na gale overtebrengen, en wijders dat na lang sukkelens de na Persia gedestineerde barcq Iaccatra hier ter houw gekomen was met een gebroken fokke mast en grote bramsteng blijkens In opvolging van VE: E: agtb: hoog g'Eerde bevel hebben wij ondergetekendens ons vervoegt op de alhier ter rheede leg„ „gonde tweemaste bark genaamt Jaccatra om de gesre„ ken van gem: bodemtje te besigtigen, so hebben wij d'eere na nauwkeurige visitatie van dien deselve VE: E: agtb: op naar„ „volgende wijse met alle eerbied en ontsag te communiceeren; Hoe dat de focke mast op de hoogte daar de focke chaa ofte daar desselfs rack vaart in twee is gebrecken, ook is dat rondhout door desselfs ouderdom ten eenemaal vermolmt en vergaan so mede desselfs mars so dat noodsakelijk VE: E: agtb: des behaage„ „de een nieuwe focke mast en een mars in steede van de thans daar in staande onbequame zal moeten werden in gereet„ „heid gebragt als ook een nieuwe groote bramsteng door door dien de vorige met het breeken van de foeke mast mede bij stucken van boven neer is komen te vallen; Waarmede verholpende voldaan te hebben aan VE: E: agtb: hoog g'Eerde bevel, so neeme wij de vrijheijd ons met de uijterste eerbied en ontsag te noemen /:onderstond:/ C: E: Agtb: welgebiedende Heer, VE: E: Agtb: onderda„ „nige en gehoorsame Dienaren /:was getekend:/ J„ Harsing en W=m Soijn /:in margine:/ Cochim den 7„e 7ber: A„o 1753:— E Agtb:re welgebieden„ „de Heer. Aan den E: E: Agtb: Heer Fredrik Cunes Commandeur en oppergebieder der Caste Mallabaar Canara en Wingurla. — het ondervolgend rapport der gedane visita„ Hebbende alle Present. het „tie. —
English
221. From Malabar dated 3 March Anno 1754 From Malabar dated 8 March Anno 1754. The Lord Commander having ordered the master shipwright to prepare at once new replacement timbers instead of the broken ones, in order to allow the aforesaid bark to set sail again soon, and since the ship De Vrede, bound for Surat, arrived in this roadstead on the 7th current, it was approved and agreed upon his Honor's proposal to let the said ship and the bark, as soon as it is ready, depart in company up to 10 degrees north latitude, whereupon the ship, having brought the bark a little further out to sea, each will be able to pursue the voyage to its place of destination; the council being of the same opinion as his Honor not to delay the dispatch of these vessels for the ship De Wimmenum, which according to skipper Root had already set sail from Batavia for Surat before his departure, since it is uncertain when this vessel will appear, although it would be a desirable thing if it were to arrive at Cochin in the meantime, while Jacatra is being hauled down, so as to be able to sail away together with its consort, and thus provide better defense against the Angria and other pirates making the waters unsafe; Furthermore, the Lord Commander communicated that his Honor had already ordered the master to make a start at once with the caulking of the ship Pijlweert, which required this in several places according to the following report. In compliance with Your Honorable Right Worshipful's highly esteemed order, we, the undersigned, proceeded to the Company's ship Pijlweert lying here in the roadstead, in order to inspect there the defects of that vessel, and after having conducted the inspection we have the honor to inform Your Honorable Right Worshipful in this our very humble report in all submission that the waterways and sheer-strakes of the lower and upper deck, three to four seams from the ship's side, will need to be caulked, and likewise the quarterdeck and forecastle will need to be provided entirely with a course of caulking, as well as all the seams on both sides outboard; Hoping herewith to have complied with Your Honorable Right Worshipful's highly esteemed order, we take the liberty to style ourselves with the utmost respect and reverence, Your Honorable Right Worshipful's ruling Lord, Your Honorable Right Worshipful's humble and obedient servants, was signed J. Garsing and W. Flonijn, in the margin Cochin the 7th December Anno 1753. To the Honorable Right Worshipful Lord Fredrik Cunes, Commander and Chief of the Coast of Malabar, Canara, and Vengurla. Honorable Right Worshipful Ruling Lord. The skipper of the said ship Pijlweert having requested some equipment supplies, water, firewood, and fresh provisions for the ship's crew in the following petition: To the Honorable Right Worshipful Lord Fredrik Cunes, Commander and Chief of the Coast of Malabar, Canara, and Vengurla. Honorable Right Worshipful Ruling Lord. The undersigned skipper of the ship Pijlweert lying here in the roadstead, Jan Philip Glissenberg, respectfully makes known to Your Honorable Right Worshipful that he necessarily requires for the service of his vessel: 4 pieces of coir hawsers for purchase tackles and gun tackles 8 single blocks 8 double-sheaved blocks 40 block nails of various sorts 15 single nails 15 double ditto 5 caulking irons 5 shot ditto as well as the necessary water and firewood, together with fresh provisions for the ship's crew. Which doing, etc., signed J. P. Glissenberg, in the margin Cochin the 10th December Anno 1753. It was agreed to provide one and the other for the use of this vessel as required according to the report of the master of the equipage, who examined the skipper's requisition as follows below: To the Honorable Right Worshipful Lord Fredrik Cunes, Commander and Chief of the Coast of Malabar, Canara, and Vengurla. Honorable Right Worshipful Ruling Lord. In prompt compliance with Your Honorable Right Worshipful's highly esteemed order, I have carefully examined the requisition of the skipper of the ship Pijlweert lying here in the roadstead, Jan Philip Glissenberg, and found that he necessarily requires for the service of his vessel: 4 pieces of coir hawsers for purchase tackles and gun tackles 8 single blocks 8 double-sheaved blocks 40 block nails of various sorts 15 lb single nails 15 double ditto 5 caulking irons 5 shot ditto the necessary water and firewood, together with fresh provisions for the ship's crew. Hoping herewith to have complied with Your Honorable Right Worshipful's highly esteemed order, I shall assume the honor to be and remain, Honorable Right Worshipful Ruling Lord, Your Honorable Right Worshipful's humble and obedient servant, was signed J. Harsing, in the margin Cochin the 10th December Anno 1753. Findings drawn up by the undersigned chief administrator and submitted to the Honorable Right Worshipful Lord Fredrik Cunes, Commander and Chief of the Coast of Malabar with the jurisdiction thereof, together with the Political Council, concerning the shortages, etc., of various goods brought by the ship Pijlweert from Batavia for this commandery according to incoming sworn reports of the committee members who were present here at the unloading of the same, and the reply to which. Furthermore, the merchant and chief administrator Nicolaas Bowijn presented to the assembly a statement of the findings of the goods delivered by the ship Pijlweert, upon which it was agreed, subject to the approval of their High Excellencies, to grant such disposition as is noted for each item in the margin.
Dutch transcription
221. Van Mallabaar onder Dato 3„' Maart A„o 1754 Van Mallabaar onder Dato 0„e Maart A„o 1754. Hebbende den heer Commandeur den baas der scheeps„ „timmerlieden g'ordonneert om ten eersten nieuwe vondhouten in plaats van de gebrokene in gereedheid te brengen, ten einde voorsch: barcq weder spoedig te kunnen laten onderzeil gaan, en vermits het schip De wrede na Souratta gedestineert, op den 7„' Courant te deser rheede g'arriveert is, so is op den voorstel van zijn E: goedgevonden en verstaan gem: schip en de barca, so dra deselve sal klaar zijn gecombineert te doen Vertrekken tot op de 10. graden noorder breedte, wanneer het schik de barcq nog een weinig na buiten gebragt hebbende, ieder de reis na de plaats zijner destinatie zal vervolgen kunnen; zijnde de vergadering met zijn C: van gevoelen, om met de depeche deser schepen na het schip De Wimmenum, dat volgens het zeggen van schipper Root voor zijn vertrek al van Batavia na Souratta was onder zal gegaan, niet te wagten, vermits het onseker is, wanneer desen bodem zal komen opdagen, hoewel het een gewenschte zaak zijn soude„ so denselven inde tusschen tijd, dat Jaccatra verholken werd, op Cochim kwam, om te gelijk met zijn makker te kunnen weg zeilen, en dus van beter defensie te zijn tegens den Angrea, en andere 't vaarwater onveilig makende Dee Schuimers; Voorts Communiceerde den heer Commandeur, dat zijn E: den baas al bereeds g'ordonneert had, om maar ten eersten Den schipper van 't genoemde schip Pijlweert eenige Equipagie goederen, water, brandhoud en ververssing voor 't scheeps In naarkoming van VE: E: agtb: Veel g'eerde ordre hebben wij ondergetekendens ons vervoegt, op het alhier ter rheede leg= „gende 's Comp:s schip Pijlsweert, om aldaar de gebreken van dien bodem te besigtigen, so hebben wij d' eere na gedaane visita„ „tie VE: E: agtb: in ditt ons seer nedrig rapport in alle onderdanig„ „heid bekend te maken, dat de watergangen en lijfhouten van 't onderste en 't bovenste deck drie â vier naaden van boord zal dienen gekalfaart te moeten werden, zo mede het halfdeken de back zullen in't geheel met een kalfaat slagmoeten versien werden insgelijks mede alle de naden aan weezeijde buijten boort; Waarmede verhopende voldaan te hebben aan VE: E: agtb: hoog g'eerde bevel so neeme wij de vrijheijd ons met de uijterste eerbied en ontslag tenoemen /: onderstond:/ E: E: Agtb: wel gebiedende Heer VE: E: Agtb: onderdanige en Gehoorsame Dienaren /:was getekent :/ J„s Garsing, en W: Flonijn /: in margine:/ Cochim den 7„e xber: Anno 1753: — E„ Agtbare welgebieden, „de Heer Aan den E: E: Agtb: Heer Fredrik Cunes Commandeur en oppergebieder der Cas„ „te Mallabaar Canara en Wingurla. een begin te maken met het kalfaten van 't schip Rijesweert dat zulks aan verscheide plaatsen nodig had na luid van 't ondervolgende berigt. — een Volk 223 Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754. volk g'eischt hebbend 't ondervolgende request, Aan den E: E: Agtb: Heer Fredrik Cunes Commandeur en oppergebieder der Custe mallabaar Canara & wingurla. E Agtbare welgetie= „dende Heer. De ondergetekende schipper van het alhier ter rheede leggende schip Pijlsweert Ian Philip Glissenberg geeft VE: E: agtb: in eerbied te kennen, dat hij ten dienste van zijn on„ derhebbende bodem noodsakelijk van doen heeft 4: p„s vijger trossen voor speel takels en schuttalies 8. „ Enkelde bloks. 8. „ twee scheijfde zijn bloks 40: „ bloknagels in zoort 15. „ enkelde spijkers 15. „ dubbelde _=o 5. „ Lasjsers - - „ 5. „ schot d=o so mede de nodige wateren handhoud mitsg„s vervorsing voor 't scheeps volk /:onderstond Twelk Doende &„a /: getekend:/ J„s P„s glissenberg /:in margine:/ Cochim den 10„en xber: A„o 1773.— so is verstaan het een en ander ten behoeve van desen boden verstrekken te laten als benodigt volgens berigt van den Equipagi„ „meester die den eisch van den schipper g'Examineet heeft so as hieronder Ejst; Aan den E: E: Agtb: Heer Fredrik Chnes Commandeur en opperge„ „bieder der Custe mallabaar Camena en Wingenla. E„ Agtb: welgebiedende Heer Jn prompte naarkoming van VE: E: agtb: Veel geerde ordre, heb ik den Eijsch Van den schipper van t alhier ter cheede leggende schip Pijlweert Bevinding door den ondergetekende hoofd administrateur op gemaekt en overgegeven aan den E: E: Agtb: heer Fredrik Cunes, Commandeurt oppergebieder der Custe Mallabaar met den resorte van dien benevens den Politicquen Raad wegens de minderheden &=a Van diverse goederen Per 't schip Pijlfweert van Batavia Voor dit Commandement aangebragt volgens ingekomen b'Eedigde Rapporten der gecommitteerdens die alhier bij de ontlossing derselve hebben gestaan, en waarvan d' beantwoording die des Wijders werd door den koopman en d„e hoofdammistrateur Nicolaas Bowijn in de vergadering geproduceert en besonding van 't aangebragten ute„ „levende per het schip Pijlsweert, waarop verstaan is ter approbatie van haar hoog Edelhedens sodanige dispositie te verlenen, als voor iedere postin margine g'annoteert staat. — Ian Philip Glissenberg nauwkeurig g'Examineert en bevonden, dat denselven ten dienste van zijn onderhebbende bodem noodsakelijk van doen heeft 4. p„s vijgertrossen voor speel takels en schuttalies 8. „ enkelde bloks 8. „ twee scheijfde zijn bloks 40. „ bloknagels in soort 15. lb enkelde spijkers 15. „ dubbelde _=o 5. „ lasijsers - 5. „ schot d=o het nodige water en branthoud mitsgaders verversing voor 't scheepsvolk. — Waarmede veropende voldaan te hebben aan UE: E: agtb: velgagte bevel so sak ik mij d'eere aanmatigen van te zijn en blijven /:onderstond:/ E: E: Agtb: welgebiedende heer, VE: E: Agtb: onderdanige en ge„ „hoorsamen Dienaar /:was getekent:/ J„b Harsing /:in margine:/ Cochim den 10„en xber: A„o 1753. — Jan wegen „
English
225 From Malabar under date 8th March Anno 1754. From Malabar under date 8th March Anno 1754. [illegible] Item as above the cellars received unopened From each 10 percent write off and the remainder may be validated pay the skipper for buy-out In the Company's Provisions Warehouse 20 3/4 kannen arrack api found in deficiency upon the gauging of leagers 84 kannen on 3 leagers of 4 drums each 24 on 1 leager of 4 1/2 drums 11 1/2 on 1 ditto ditto 11 63 1/4 kannen sack wine on one leager of 7 1/2 drums red mum beer on barrels found in deficiency as: 46 kannen on 2 barrels each of 6 drums 34 ditto on 2 ditto on ditto 5 26 ditto on 1 ditto on ditto 6 1/2 14 ditto on 1 ditto on ditto 4 1/2 12 ditto on 1 ditto on ditto 10 on the sour side 36 ditto on 4 barrels of 8 drums 68 ditto J.M. beer on one barrel of 12 drums on the sour side [illegible] on the barrel 16 Dutch vinegar on half an aam of [illegible] ditto ditto flat 2 bottles of brandy on the consignment of 3 cellars found pay and as such delivered here 1 bottle broken, and 1 empty [illegible] 452 lb brown sugar on the consignment of 2500 lb in 6 canassers found less, giving a loss of 10 lb write off In the Equipment Warehouse [illegible] the cause of this deficiency found calculated at 6 1/2 percent pay the remainder In the Company's Trade Warehouse sappan wood on the consignment of 2500 lb found less, making 2 percent caused by drying out 118 lb Dutch iron on the consignment of 50000 lb found short, calculated at 1/4 percent, write off diminished by rust 17 lb ordinary benzoin on the consignment of 2000 lb found less, calculated at 1/20 percent through drying out weighed by the skipper Jan Philipp Glissenberg is given and annexed hereto, whereupon Your Right Honourable's disposition is requested. The after-mentioned merchandises the authorities delivered in excess at the delivery, among more, on account of their permitted write-off in the Company's Warehouse, consisting of: [illegible] 19 1/2 lb Satsuma camphor on the consignment of 640 1/6 lb, being 3 percent 62 1/2 lb nails on 6259 lb 8 oz, making 1 percent 3 1/8 lb sheet lead on 2560 lb, gives 1/8 percent 15 lb Japanese bar copper on 1200 lb, being 1 percent 31 1/4 lb Banka tin on 25000 lb, calculating 1/8 percent 632 lb Dutch iron on 50000 lb, calculating 1 1/4 percent 23 lb ordinary benzoin on 2000 lb, making 1 percent 1 5/8 lb yellow sheet copper on 1519 lb, calculated 1/8 percent 1 1/4 lb red sheet copper on 990 lb, gives 1/8 percent 1/4 lb yellow latten copper on the consignment of 236 lb, making 1/8 percent 1129 lb candy sugar on 37641 lb, making 3 percent 2179 1/2 lb powdered sugar on the consignment of 72644 lb, being 3 percent Cochin, the 10th December 1753. was signed: N. Bowijn. Furthermore, it is resolved to send this ship Pijlsweert, as soon as the remaining coir and necessities, with whose dispatch all possible haste is being made, shall be on board, without the least delay directly back to Batavia; The commander of the bark Jaccatra having requested the following goods. The To 208. 0 To pay.
Dutch transcription
225 Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754. on te det dilonte ee Jtem _=o als voren de kelders ongeopent ontfan„ Van ieder 10. p„s l„ afsch: en de overige mogen gevali deert vereden uijtkoops aan den schipper- betalen In 's Comp:s Provisie Maguasijn 3t baer aan bode baandan 20: 3¾: kann: arak apij bij het pijlen van :leggers aan wan„ „nigheid bevonden 84: kann: op 3. Leggers wan 4: d=m i der 24. „ op 1. Legger wan 4½: d=m 1 d„o _„o 11 -. 11½. „ „ 63. ¼: kann: zekwijn op een legger wan 7½. d=m „ rood hardsbier op vaten aan wannigheid be„ „vonden als. 46: kan op 2. Vaten id„r wan 6: d=m 34. _„o „ 2. _„o „ _„o 5. „ 26. _„o „ 1. _„o „ _„o 6½„ 14. _„o „ 1. _„o „ _„o 4½„ 12. _„o „ 1 _„o „ _„o 10: -„ aan de Cuure kant 36: _„o op 4: Vat wan 8: d=m 68. — d=o I: M: bier op een vat wan 12 d=m ande suire kant. vooorsaetogen op het vat work 16. — „ azijn hollands op een halve aan van C: =r wat _=o __=o flauw 2. flessen brandewijn op den aanhong van 3. kelders be„ betalen „gen en sodanig alhier wverge„ „vonden 1. fles. gebroken, en „levert. 1. „ Ledig. see adatiog te e kent 452: lb bruijne zuijker op den aanbreng van 2500: din 6: kan„ afschrijven „nassers minder bevonden gevende een verlies van 10. „ lb Jn't Equipagie Pakhuijs. he schilen a de gons 30: a as n ans o e an eng en : e ostene de opsaek van dese minder„ bevonden berekende 6½: p„r C=to overrige betalen „heid. In 's Comp:s Negotie Pakhuijs dor tindoen ante asan „ 0: „ Cappanthour biemas op den aanbreng van 2500: c„ „hout d det min gege porsaekt „der bevonden makende 2. p„r C=to 118: „ hollands ijser op den aanbreng van 50000: lb te kort bevon, afschrijven. door de roest vermindert „den botekende —¼ p„r C„to Gch=s 17: „ bencuim ordinaire op den aanbreng van 2000: lb min„ door 't indrogen „der bevonden berekende 1/20. „rC=to wegen door den schipper Jan Philipp glis„ „senberg is gegeven beseijden deses gevoegt, waar op VEE: agtb: despositie werd versogt. — De Naartemeldene Coopmanschappen heb„ „ben de overheden bij aanbreng onder meerder we„ „gens haar gepermitteerde afschrijving in 's Comp:s Pakhuijs meerder gelevert bestaan„ „dein. deo scup„ esok atdenen„ 19½. lb Camphur Satsumace op den aanbreng van 640 1/6: lb sijnde 3. p„s F 62.½ lb spijkers op 6259. 8d makende 1. p„r C„to 3 1/8. „ platlood op 2560: lb geeft 7/6. p„r C„to 15. - „ Japans staaf koper â p: 1200:lb zijnde 10. plo 31. /¼„ thin bankas op 25000: lb brekende 78. p„r Ct„to 632.– „ hollandsijser op 5000: lb gekende 1¼. p„ C„o 23. – „ bensuim ordinaire op 2000: lo uitmat„ /0 C„ 1 5/8. „ geelplaat koper op 1519. lb berekende /8. p„r C„to 1¼ „ roodplaat koper op 990: lb geeft 1/0. p„r C„to —¼. „ geel latoen koper op den aanbreng van 236: lb makende — 1/8. p„r C„to 1129. – „ Candij zuijker op 37641: lb uit maken„ „de 3. p„rC=to 2179½. „ hoeder zuijker op den aanbreng van 726440: lb zijnde 3. p„s Cochim den 10„ December 1753. /:was getekend:/ N=s Bowijn. — Voorts is verstaan om dit schip Pijlsweert, Sobra de resteerende Caijer en benodigtheden, met welker afsche„ „king alle mogelijke spoed gemaekd werd, aan boord zullen zijn, sonder dat het minste retardement direct na Bata„ „via terug te zenden; Den gesaghebber van de barca Jaccatra versogt hebben„ „de om de volgende goederen. De Aan 208. –. 0 betaln.
English
No 227. From Malabar under Date 8th March Anno 1754. From Malabar under Date 8th March Anno 1754. Honorable, Respected, Ruling Lord! The undersigned master of the bark Jaccatra lying here in the roads, Jan van Oostrum, respectfully makes known to Your Honorable Respect that for the service of his vessel he necessarily requires: A new foresail mat piece of shrouds four hawser ropes four messenger ropes a new main topgallant mast four lines of various sorts 4 leggers or eight half pieces for water casks an anchor of 1200 lb a messenger rope of 14 inches Which requirements the petitioner requests Your Honorable Respect may be provided for the aforesaid service, as well as the necessary water and firewood, refreshments for the crew, and to have the sails repaired. Which doing, etc. Was signed: Jan van Oostrum. In margin: Cochin the 7th December Anno 1753. Note: It is resolved to have provided that which the Master of Equippage upon examination has found to be necessary, according to the report submitted by him concerning this. To the Honorable Respected Lord Fredrik Cunes, Commander and Chief Ruler of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla. Honorable, Respected, Ruling Lord. In prompt compliance with Your Honorable Respect's highly esteemed order, I have examined the requisition of the master of the bark Jaccatra lying here in the roads, But the council has judged the provision of 4 whole or 8 half leggers unnecessary, since this bark was provided with water casks at Batavia for the entire voyage to Persia, and with these can easily make the voyage from here to Gamron. In fulfillment of the esteemed order of Their High Excellencies contained in a received letter dated 5th October past, it has been approved and resolved to place 25 soldiers, who have requested their relief from this coast, onto De Vreede, in order to depart with this ship via Surat for Batavia; Per the ship De Spaarsaamheijd from Batavia Jan van Oostrum, carefully examined, and found that for the service of his vessel he necessarily requires: a new foremast a piece of shrouds as much as is needed six messenger ropes of various sorts a new main topgallant mast a line four leggers or eight half ditto for water casks an anchor of 1080 lb a messenger rope of 12 lb a pile of firewood refreshments for the crew and the necessary water, as well as having the sails repaired; Wherewith hoping to have complied with Your Honorable Respect's highly esteemed command, I shall take the honor of being and remaining. Below stood: Honorable, Respected, Ruling Lord, Your Honorable Respect's humble and obedient servant. Was signed: Is. Harsing. In margin: Cochin the 7th December Anno 1753. To the Honorable Respected Lord Fredrik Cunes, Commander and Chief Ruler of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla. Jan to 229 From Malabar under Date 8th March Anno 1754 From Malabar under Date 8th March Anno 1754. to Ceylon, and brought here from that government per Zuijderburg for Surat being 609 lb elephants' teeth, 15 bales of wild cinnamon, and 3 pieces of heavy messenger ropes of 18 inches each, it is resolved to forward the elephants' teeth and the cinnamon on the aforementioned Vrede to Surat, but to hold the ropes for a later occasion due to lack of ship space; it having also been approved to grant transport per the vessel to the named directorate to the bookkeeper Reijnenberg, who arrived here from Ceylon with Zuijderburg and has been waiting for a ship's opportunity; According to letters from Quilon, the ship Hartekemp passed by there on the 1st of this month, having as news that the ships 'T Fortuijn and D' Getrouwigheid had arrived in Persia before its departure, which was accepted as notification; Furthermore, in this meeting was read and signed the homeland addendum letter that was drafted to accompany the statement of accounts drawn from the trade books of this Commandery, in order to be dispatched from Quilon per the ship Zuijderburg to Galle for further routing. Because according to a letter from the Ponnani resident by letter of the 7th of this month, the Zamorin had his people remove the best beams from the pile of those that he, the resident, had contracted for on authorization from here, it is resolved to write back to the said resident that since the best beams taken; The ship Pijlsweert having become as good as ready to depart, the Lord Commander had Thursday the 20th December Anno 1753. all present, as well as the Cannanore Chief Weyerman, Domptis, the Honorable Feith and Beijts through pressing business, Cochin, date as above. Was signed: J. Cunes, N. Bowijn, D. Bos, G. J. Faith, M. H. Beijts, A. van Vechten, J. v. d. Steeg, and D. H. Westphal. are gone, and the poor ones are not needed, he should therefore simply abandon this entire timber trade and notify the supplier that such poor refuse is of no use to the Company, besides the fact that no vessels can currently be sent to Calicut to collect those beams. By letter of the 8th of this month, the Purakkad resident reports that the total receipt of pepper there was 75250 lb, of which 24026 lb was shipped out on Zuijderburg and 100 lb retained by him as a sample, thus giving a loss of 1124 lb, calculated at barely 1 1/2 percent, with a request to be allowed to write off the same to the profit and loss account; it is resolved to allow this shortage to be written off as not excessive nor in violation of the latest Batavia regulation: away a activities,
Dutch transcription
N„o 227. Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754. EE Agtb: wel gebiedende Heer! Den ondergetekende gesaghebber Van het alhier ter rhede leggend bank Jaccatra Jan van oostrum geeft VE: E: agtb: inerbhied tee kennen dat hij ten dienste van zijn onderhebbende bodem noodsa„ „kelijk van doen heeft, Een nieuwe scke matt „ stuk want vier wel trossen vier vijgertrossen een nieuwe groote bramsting vier lijnen in soort _„o laggers of agt halve P„s voor water vaten een anker van 1200: lb een vijger touw van 14: d=m Welke benodigtheden den sufp„t VE: E: agtb: versoekt dat ten diens, „te voorsch: mogen verstrekt worden, so mede 'tnodige wateren brand„ „houd, verversing voor het scheepsvolk en de zeijlen telaten repa„ „reeren /:onderstond :/ 'T welk Doende &„a /:was getekent:/ J„n 1„ Oostruim /:in margine:/ Cochim den 7„' xber: A„o 1753. N: is verstaan te laten verstrekken het gen den Equipagimeester ij Examinatie bevonden heeft benodigt te zijn, uitwij„ „sens het door hem dien aangaande overgelevert berigt. — Aan den EEd Agtb: Heer Fredrik Cunes Comman„ „deur en oppergebieder der Custe Mallabaar Canarat Vinguerla. — EE Agtb: welgebiedende Heer. Jn prompte naarkoming van VE: E: agtb: veel g'eerde ordre hebik den Eijsch van den gesaghebber van de alhier ter rheede leggende barcq sacratra Dog de vergadering heeft de verstrekking van 4. heele of 8. halve leggers onnodig g'oordelt, aangesien dese barcq tot Batavia voor de geheele reis na Persia met water vaten voorsien geworden zijn gemakkelijk van hier daar mede de rees na Gamron doen kan, Ter voldoening aan d' g'eerde ordre van Haar hoog Edelhe„ „dens vervat bij een ontfangen missive ged„t 5„' 8ber: pass„o is goedgevonden en verstaan 25: militairen, die om hun verlossing van dese kust versogt hebben, op De Vreede teplaatsen, ten einde met dit schip ove Couratta na Batavia te vertrekken; Per het schip De Spaarsaamheijd van Batavia Jan van oostrum nauwkeurig g'Examineert en bevonden dat denselven ten dienste van zijn onderhebbende bo„ „dem noodsakelijk van doen heeft. een nieuwe focke mast een stuk wand zo veel als benodigt is ses vijgertrossen in soorten een nieuwe grote bramsteng een lijn vier leggers of agthalve d=os voor watervaten een anker van 1080: lb een vijgertouw van 12: lb een stapel branthoud verversing voor 't schips volk en het nodige water, zo mede de zeijlen te laten repareeren; Waarmede verhopende voldaan te hebben aan VE: E: agtb: veel g'agte bevel, so zal ik mij d'Eere aanmatigen van te zijn & blijven /:on„ „derstond:/: EE: Agtb: welgebiedende Heer, VE: E: agtb: onder„ „danige en Gehoorsame Dienaar /:was getekent:/ I„s har„ „sing /: in margine /. Cochim den 7„' xber: A„o 1753. — Aan den E:Ed Agtb: heer Fredrik Cunes Commandeur en oppergebieder der Custe Malla„ „baar Canara & Wingurla Jan tot 229 Van Mallabaar onder Dato 8:' Maart A„o 1754 Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754. tot Ceilon, en van dat gouvernement per Zuijderburg alhier voor souratta aangebragt zijnde 609: ld Eliphants tanden, 15. balen wilden Canneel en 3. p„s zware Vijgentou„ „wen van 18: d=m ider, so it verstaan d' Eliphants tanden en den Canneel her meergem: wrede na Couratta voorteschiken, dog de touwen mits gelrek aan scheeps ruimte aantehouden tot een nadere occasie, zijnde ook goedgevonden per den bodem nage„ „noemde directie transport te Verleenen aan den boekhouder Reijnenberg die van Ceilon met zuijderburg hier aangekomen is, en na scheeps gelegentheid gewat heeft; Volgens Coilans aanschrijvens is het schip Hartekemp aldaar den 1. e deser gepasseert voor nieuws hebbende, dat de scheepen 'T fortuijn en D' Getrouwigheid voor zijn ver„ „trek in Perlia g'arniveert waren, 't geen voor notificatie is aange„ Voorts is in dese bij eenkomst geleden en getekend het Vaderland„ „sche nabriefje dat in conceht gebragt was ten geleide van de staat reekening getrokken uit de Negotie boeken deses Comman„ dements, om af Coilan per het schip Zuijderburg ter erlan„ „ging van verder ardresse na Gale bestelt te werden, Dewijl volgens schrijvens vanden Pananijsen resident bij hwier van den 7„e deser den Cammorijn de beste balken uit den hoop van den genen, die hij resident op qualificatie van hier ge„ „Contracteert had, door zijn volk heeft laaten wegnemen, Io is verstaan gem: resident terescribeeren dat vermits de beste balken „nomen; Het schip Pijlsweert so goed als klaar geraekt zijnde, om te kunnen vertrekken, so had den heer Commandeur onderdag den 20„e December Anno 1753. alle persent soo mede het Cannanoors opperhoofd Weijerman Domptis HE: Feith en Beijts door drukke be„ Cochim dato voorschre„ „ven /:was getekent:/ I=n Cunes N„s Bowijn, D„l Bos G„t J„n faith„ M: H: Beijts, A„s V„n vechten, J: V: d: Steeg, en D„l h„k westchal. — weg zijn, en men de slegte niet van noden heeft, hij dierhalven van dese geheele balk Negotie maar moet afsienen den leverancier aanzeggen, dat zulk slegt uitschot van geen dienst voor de Comp: eit, behalven dat men thans geen vaartuijgen ten afhaal van die balken na Calicut zenden kan„ Bij hier van den 8„e deser benigt den Porcasen resident, dat den generalen ontvangst van de peper aldaar is geweest 75250: lb waar van in Zuijderburg 24026: lb afgescheept en 100: lb tot een monster bij hem aangehouden zijn gevende dus een verlies van 1124: lb: berekende 112: p„r C„to schaars met versoek om 't zelve opreekening van winst en verlies te mogen afschrijven, so is verstaan dese minderheid als niet te Excessie nog strijdende te„ „gens het Jongste Bataviase regrelement te laten afschrij= „ven: weg een „sigheden,
English
231. From Malabar, dated 3 March Anno 1754. From Malabar, dated 8 March Anno 1754. received a letter from Tengapatnam that the sloop Maria Laurentia was on its way to Cochin with the linens, and therefore it was approved to let the said vessel wait for the sloop in order to take the linens along for the Fatherland and Batavia, just as the aforesaid sloop also arrived here on the 17th of this month with 7371 pieces of assorted linens, and so much speed was made with the unpacking of the Patna and Batavia assortments that Pijlsweert will be able to sail within two days, with which course of action the members expressed their complete agreement. The said sloop Maria Laurentia, having brought, in addition to 270 laths of wood from Tuticorin, a small chest with 10000 gold ducats, but without an invoice, it was understood to request the same from the Ceylon ministers at the first opportunity for information. Upon receiving news from Quilon that the ship De Wimmenum had passed there, the Lord Commander thought it necessary to delay the dispatch of the ship De Vreede and the bark Jacatra until De Wimmenum should have arrived here; which ship having then also arrived at Cochin on the 18th current, and having taken on board the three heavy hawser ropes mentioned in the resolution of the 12th of this month, it was approved and agreed upon His Honour's proposal to have the said three keels depart combined to the north as soon as De Wimmenum shall be provided with its required drinking water. Furthermore, the brief note from Batavia dated 12 October last was read, which was brought over by De Wimmenum. The surgeon Poolvliet having requested his discharge by the following petition. Are hereby ordered to sail from here along the coast and always remain together up to 18 degrees north latitude, when, the aforesaid ships having brought the bark somewhat further out, each may continue the voyage to its place of destination; which combination or sailing in company is of great importance on account of the Angrians and other pirates who make the waterway very unsafe and perilous, wherefore you must for no reason abandon each other, but always remain joined together until you have approached the aforesaid latitude of 18 degrees. Cochin, the December Anno 1753. depart, and to provide the officers with the following written order. To the officers of the ships De Wimmenum and De Vreede, as well as the bark Jaccatra, the first two mentioned destined for Surat and the last-named for Persia. Depart, To
Dutch transcription
231. Van Mallabaa onder Dato 3:' Maat A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754. een briev van Tengapatnam ontfangen, dat de Chialoup Maria Laurentia met de lijwaten op weg na Cochum was, en dierhalven goedgevonden, om gem: bodem nade Chialoup te laten wagten, ten einde de lijwaten pro Patria en Bata„ „via te kunnen mede nemen, gelijk voorsch: Chialoup op den 17„e deser hier ook met 7371: p=s gesorteerde lijwaten aangeko„ „men en met de afpakking dor Patnase en Bataviase sortementen so veel spoed gemaekt is, dat Pijlsweert binnen twee dagen zal zoijlen kunnen, met welke behande„ „ling de leeden betuigden zig volkomentlijk te Conformee„ Gedagte Chialoup Mbana Laurentia behalven 27„o Latten out van Tutuconijn aangebragt hebbende een kistje met 10000 goude ducaten, dog sonder aanrekening, so is verstaan deselvke bij eerster Ccassie van de Ceilonse ministers te versoeken tot narigt.— op 't ontfangene tijding van Coilan, dat het schip De wiron„ „menum aldaar gepasseert was, had den heer Commandeur nodig gedagt de depeche van 't schip De vreede, en de barca Jacca„ „tra ut te stellen, tot dat de Wimmenum hier soude g'wviveert zijn, welk schip dan ook op den 18„e Cuirant tot Cochimg'am= „veert zijnde, en de drie zware Vijgertouwen, waar van in de reso„ „lutie van den 12„e deser gesproken is, ingenomen hebbenden so is op de propositie van zijn E: goedgevonden en verstaan om om gem: drie kielen, sodra De Wimmenum van zijn benodigt drinkwater zal voorsien zijn, gecambineert na de noord te doen „ren. Voorts wierd gelesen het Bataviase Briefje gd„t 12: 8ber: pass„o dat per De wimmenum oven gem: s aangebragt. — De Chinurgijn Poolvliet omn zijn gagement versogt hebben„ „de bij 't ondervolgend request. Werdn bij desen godroneert, om van hier langs de krust voor te zeilen en altoos bij malkanderen te blijven tot op de 10. graden noorder breeder, wanneer de scheepen voorsch: barn nog een wering na buiten gebragt hebbende, ieder de reis na de plaats zijner destinatie vervolgen kan, welke Combina„ „tie ofzeiling in Compagnie van veel aangelegentheid is om de wille van d'angreanen en andere zee schuimers, die het Vaarwater zeer onveilig en periculeus maken, weshalven VE: zig malkander om geen reden moeten verlaten, maar al„ „toos geconjungeert blijven tot dat VE: op de voorsch: hoogte van 18: graden zullen genadert zijn. — Cochim den December A„o 1753. vertrekken, en de overheden te voorsien met de navolgende schrit„ „lijke ordonnantie. — D' overheden van de schepen De Wimmenum en D' Vreede, Mitsgad=s de barcq Iaccatra de twee Eerste gem: na souratta en de Laastgenoemde na Per„ „sia gedestineert. — Vertrekken, Aan
English
233. From Mallabaar under Date 8th March Anno 1754. From Mallabaar under Date 8th March Anno 1754. Honorable, respected, commanding Lord To the Honorable, Respected Lord Fredrik Cunes Commander and Supreme Ruler of the Coast of Mallabaar, Canara and Wingurla. Shows with the greatest respect and awe Your Right Honorable's obedient and very humble servant Francois Poolvliet of Cochim, how he, petitioner, on the 15th July Anno 1718 was engaged in the service of the Honorable Company as a soldier at 9 guilders; left on 13 March 1719 for Chettua via Cochim as junior surgeon at the same wage of 9 guilders, continued there until the 4th February 1724, when he was placed at Cranganoor with the very same wage; on the 5th October 1725 improved to 20 guilders; ordered to Cannanoor on the 25th of the same month; on 12 November 1727 improved to 24 guilders, and on the 1st December 1730 advanced to 30 guilders as surgeon; relieved from Cannanoor on the 9th February 1736, having continued at Cochim until the 1st December of the aforesaid year, and ordered again to Cannanoor and remained there until the present; and whereas the petitioner has already reached the age of more than 52 years, of which he has spent more than 35 in their Honors' service, whereby he finds himself unable to exercise his function properly any longer, being defective of eyesight and afflicted with other infirmities besides, so the petitioner turns to Your Right Honorable with the humble request that it may please Your Right Honorable to place him on emeritus status with such monthly maintenance as Your Right Honorable shall graciously be pleased to grant him, whereupon the petitioner awaits in all respect a favorable and approving decision. Underneath was written: Which doing, etc. Was signed: Frans Poolvliet. In the margin: Cochim, the 18th December anno 1753. Also out of consideration for the petitioner's long years of service and advancing age, it is agreed to grant approval upon his request, and to assign for his retirement pay six rixdollars per month. Furthermore, upon the proposal of the Lord Commander, it has been approved and resolved to send the sloop Maria Laurentia to Chettua to collect the lime needed for the repair of the defects in the fortification works at Coilan, and therewith to fulfill the annual necessities for this fortress, as well as to order the servants to place on the said sloop during the lay days there 14 privates with their non-commissioned officers for security against the wandering robbers. Since on the 10th January next, according to custom, the laws must be changed, and beforehand a specification of the present members with a nomination of a double number of persons must be drawn up and submitted by the Boards of Orphan Masters, Commissioners of Small and Matrimonial Affairs, as well as Fire and Ward Masters, for the disposal of this meeting, it is agreed to order the aforesaid Boards to do so by extract hereof, as well as the Church Council to elect new elders and deacons according to annual custom, subject to the approval of the Lord Commander and his Political Council. The lessee of Saint Jago, Gasper Pereira, having paid his arrears of lease money with the exception of two hundred rixdollars, and having requested of the Lord Commander that this remaining balance might be remitted to him, in consideration of the fact that in Anno 1751 he suffered much damage from the passing and repassing of the Travancore Nairs, and has thereby been rendered practically unable to raise the lease money properly, the Lord Commander put to the question what one might advise regarding it.
Dutch transcription
233. Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754. E„ Agtbare welgebieden „de Heer Heeft met de meeste eerhied en ontsag te konnen VE: E: onderdanigen, en zeer nedrigen Dienaar Francois Poolvliet van Cochim hoe hij suff„t op den 15„e Julij A„o 1718. in dienst der E: Comp: aangenomen is voor soldaat met ƒ9. 1719. den 13. maart na Cochim Chettua vertrocken als Jong chirurgijn met deselve gagie van ƒ 9. aldaar gecontinueert tot den 4:' februarij 1724. als toen met 't eijgenste gagde op Cranganoor geplaatst den 5„e 8ber: 1725. verbetert tot 20: guldens, den 25„e derselver maand na Cannanoor gecommandeert, 1727, den 12: gber: tot 24: geldens verbeterd, en 1730. den 1„' xber: gevordert tot 30 / als Chi„ „burgijn van Cannanoor verlost, den 9„e feb=ij 1736: op Cochim gecontinueert heb„ „tende tot den 1„e xber: deseven gem: Jaars, en weder na Cannanoor gecommandeert en aldaar verbleven tot â present, en dewijl den supp„t reeds den ouderdom van ruijm 52: Jaren bereijkt en daar van ruijm 35. in haar Edele dienst versleten heeft, waar door hij zig niet in staat bevind zijne functie langer naarbe„ „horen te kunnen oeffenen, als wesende gebrekkig van gesigt en met ande„ re Cormipties meer beheft, so keert den supp„t zig tot VE: E: agtb: met Nedrig versoek dat het VE: E: agtb: behagen mogte hem tot Ementus te stellen met sodanige maandelijkse onderhoud als VE: E: agtb: hem gratieuiselijk sal gelieven toete voegen, waarop den supp„t in alle Eerbied is afwagtende een gunstige en favorable approbatie /:onderstond:/ 'Twelk Doende &=a /:was getekent:/ Frans Poolvliet /: in margine:/ Cochim den 18„e December anno 1753. Cook uit Consideratie van des suppliants lang Jange diensten en opklimmende Jaren verstaan denselven op zijn instantie te Verleenen fiat, en tot zijn rust gagie toeteleggen sch rijxdaal„ „ders per maand. — Wijders is op de propositie van den heer Commandeur goedgevonden on geresolveert, om tot den afhaal van de kalk, die men benodigt tot de reparatie der gebreken dan de fortificatie Aan den E: E„ Agtb: Heer Fredrik Cunes Commandeur en oppergebieder der Custe Mallabaar Canara & Wingurla. werken tot Coilan, de Chialoup Mana Lauventia na Chettua te senden, en daarmede de Jaarlijkse benodigtheden Voor dese fortresse te voldoen, mitsg„s de bediendens te ordonnee„ ren, om op gedagte Chialoup geduurende de leg-dagen aldaar 14: gemeene met hunne onder officiers te plaatsen Voor secuditeijt tegens d' onswervende roppers; Nadien op den 10„e Januarij naast komende volgens den gebruijke de wiet zal dienen verzet en alvorens door de Collegien van Weestmeesters, Commissarissen van kleine en huwelijkse zaken mitsg„s brand en wijk meesteren op gemaekt en ingediend te werden een Cprecificatie van de presente leden, met een nominatie van een dubbeld getal persenen ter dispositie van dese vergadening, so is verstaan voorsz: Collegien zulks bij Extract deses te ordonneren, als mede den korken raad, om na jaar„ lijkse risantie nieuwe ouderlingen en Diacmen te verkieten, op approbatie van den heer Commandeur en zijn potiticquem Den pagter van S„t Jago Gusper pereira zijn agterstallige pagt penningen op Twee hondert rijx d„s na voldaan, en aan den heer Commandeur versogt hebbende dat hem dit res„ „tant mogt werden kwijtgescholden, uit aanmerking dat hij in A„o 1751. bij het passeren en respasseren van de Trevancoor„ „se nairos veel schade geleden heeft, en daar door genoegsaam buiten staat gestelt is, om de pagt penn: behoorlijk op te brengen, so leide den heer Commandeur in omvrage wat men omtrent rade. — werken het
English
235 From Malabar under date 8 March anno 1754. From Malabar under date 8 March anno 1754. the request of this man could and should be disposed of, and added thereto that it could very well be that the Travancore people had caused some damage to the lessee during those troubled days, but that it was also a well-known fact that the Malabars know very well how to exaggerate petty matters to their advantage and magnify a small damage suffered, besides the fact that such remissions and pardons of lease monies were always, and also had to be considered to be, of bad consequence with respect to the other lessees, with which sentiment the combined members also concurred, and thus unanimously resolved to disaccord the request for remission, but on the other hand, since the lessee's goods and effects have been sold to help the Company to its own, and he is thus for the present unable to satisfy his debt, to grant him some further extension of time to furnish and pay the missing 200 rixdollars. The King of Cochin having made a request by ola of today for an advance of thirteen thousand rixdollars, offering not to trouble the Company any further before and until His Highness shall have satisfied the previous and this debt, as is to be seen from the following ola. Translation of the ola written by the King of Cochin to the Honorable, Worshipful Lord Commander Fredrik Cunes, received 20 October 1753. Cochin, date as above. was signed: F:k Cunes, N:s Bowijn, D:l Bos Godef:s Weyerman, A:s V:n Vechten, H: van der Heeg, and D: h:k Westphal. The present circumstances being fully known, may Your Honorable Worship be pleased to send us 13000 rixdollars, with the request to let us know what and what kind of securities the Honorable Company desires to have from us concerning this amount, which we are willing to do; and without us having paid this debt as well as the previous one, we shall trouble the Honorable Company for nothing, proceeding upon which promise may Your Honorable Worship be pleased to furnish the requested without delay, and to let us know the Company's opinion in answer to this by ola or else orally, so that we may do what is necessary for the security of their honors; was written underneath: for the translation, Cochin, date as above, signed: H: V: d: Linde, sworn translator. It is, upon the proposal of the Lord Commander, approved and agreed to let the aforesaid sum be issued, provided that His Highness, for the indemnification of the Company, shall mortgage or hypothecate the 10½ villages, and renounce his rights in the alfandigo, until the aforesaid sum, with the rixdollars 7858: 3/0 which His Highness is still indebted to the Company, with the interest of 9 per cent according to the custom of the country, shall have been paid and satisfied. Thursday 237. From Malabar under date 8 March anno 1754. From Malabar under date 8 March anno 1754. Thursday The 3 January anno 1754. All present. The ships De Liefde and Bloemendaal, the first having arrived in this roadstead the day before yesterday and the other today from Surat, and there being received therewith a missive dated 16 December anno passato, the same was read in this meeting and found to contain that the ministers of the said Directorship, according to their promise made by letter of 12 October last past, which however has not yet been received here, had shipped in Bloemendaal for this office two hundred thousand rupees in cash, and four hundred and four bales of cotton for trade, besides some further goods upon the requisition made, with the request that Bloemendaal might be sent back thither through the Northern Maldives at the earliest with some merchandise, if any were on hand; in so far as no company to be able to sail quickly together could be found here, because that vessel was appointed to depart with freight goods for Mocha, for which she would need her time to be on hand early enough, besides which it was also approved and agreed to cause Bloemendaal to be unloaded of the cash brought along, the cotton, and further necessities at the earliest and without delay, and then to send her back to Surat without the least hindrance through the Northern Maldives, since the ordinary offshore passage is too dangerous for a single ship because of the roaming pirates, as well as, at the request of the ministers, to place back aboard Bloemendaal those Buginese soldiers who returned here with De Liefde, and to communicate to the ministers that Lieutenant Adrianus van Gelderen and all the native soldiers who were ordered thither last year per Den Admiraal de Ruyter from the Malabar garrison have returned safely to Cochin. Under this chapter, the Lord Commander informed the meeting that His Honor had formally caused the pay accounts of the aforesaid Eastern soldiers to be closed here in order to continue in the Surat pay books, because the ministers had thought fit to debit this Commandement by invoice for the advanced board and monthly wages to the said soldiers to the amount of 5258 guilders and 8 stivers, and since the aforementioned soldiers were sent and employed from here for the service of the Surat Directorship, the Lord Commander therefore proposed whether it would not better accord with good management that those expenses
Dutch transcription
235 Van Mallabaar onder Dato 38„' Maert A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754. het versoek van dese man zoude kunnen, en diende tedesponeren, en voegde daar bij, dat het zeer wel konde zijn, dat het Dutut„ Trevancoors volk in die truble dagen den pagter eenige schade heeft toegebragt, dog dat het ook een bekende zaak was, dat de Mallabaren geringe zaken tot hun voordeel zeer wel weten te Exaggeren en een kleinne bekomene schade groot uit te meten, behalven dat diergelijke kwijt schel„ „dingen en remissien van pragtpenningen altoos waren en ook moesten aangemerkt werden te zijn van kwade Conse„ „quentie, ten opsigte der overige kagters, bij welk sentiment de gesamentlijke leden zig mede voegden, en dus eenpanig= „heid besloten om het versoek tot kwijtschelding te disacorde„ „ven dog daar en tegen den pagter aangesien desselfs goederen en Effecten om de Comp: aan 't hare tehelpen verkogt zijn, en hij dus voor eerst onvermogen is zijn schuld te voldoen nog eenige uitstel tevergunnen om de manquerende 200: rx„s opteleggen en te betalen. — Den koning van Cochim bij ola van heden verzoek gedaan hebben„ „de om een verstrekking van Derthien duijsent rijxd„s onder aan„ „bieding van aan de Comp: niet meer lastig te zullen vallen, voor en aleer zijn hoogheid de Voonige- en dese schuld zal Voldaan hebben, soet als uit d'andervolgende ola te scenis. Translaat ola door den Koning van Cochim aan den EE: agtb: Heer Commandeur Fe= „drik Cunes Geschreven ontfangen den 20„e 8ber: 173. — Cochim dato voorschreven /:was getekend:/ F:k Cunes, N„s Bowijn, D„l Bos godef„s Weijerman, A=s V„n Vechten, H: van der Heeg, en D„ h:k Westphal. „De presente gesteltheid ten vollen bekent zijnde, gelieve VE: E: „agtb: on 1 13000: rd„s te willen zenden, met versoek ons te laten „weten, wat, en hoedanige versekeringen D'E Comp: omtrent „dis bedragen van ons begeert te hebben 't gunt wij gaar„ =„ne willen doen; en sonder dat wij dese schuld als de „vooige zullen betaalt hebben, zullen wij D' E: Comp: „om niets lastig vallen, op welk belofte VE: E: agtb: „vatt te werk gaande, gelieve ont sonder tardance het „versogte te willen verstrecken, en 's Comp:s meenig in „antwoord deses per ola, dan wel mondeling te laten „weten, op dat wij tot fecuniteijt van haar Edeles term: „het nodige mogen doen; /:onderstond:/ voor de trans„ „tatie Cochim dato als boven /:getekend:/ H: V: d: „zinde gesw: transl„t — Jdis op de propositie van den heer Comman„ „heut goedgevonden en verstaan voorsz: somma te laten afgeven, mits dat zijn hoogheid tot schadeloos stelling van de Camp:e kome te verpanden of verhijpot hicqueeren de 10½. derpen, en aftezien van zijn geregtigheijd in 't de alphan„ „digo, tot dat voorsch: somma met de rd=s 7858: 3/0, die zijn hoog„ „heijd aan de Comp: nog debet is, met de interest van 9. p„r C=to na 'slands gebruijk val betaalt en voldaan zijn. — De Donderdag 237. Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 3„' Maart A„o 1754. De schepen De Liefde on Bloemendaal, 't Eerste Ep:igisteren en 't andere heden van Souratta te deser rhede g'arriveert, en daarmede ontfangen zijnde een missive gedateert 16„' xber: A„o pass„o so wierd deselve in dese bij een komst gelesen, en bevonden, te bekelsenen dat de ministers van gem: Directi=e volgens hunne gedane promesse bij briev van den 12„e 8ber: J„o Leeden, welke hier egter nog nie ontfan„ „gen is, in Bloemendaal voor dit Comptoir hadden afgestoken twee maal hondert duisent ropijen en Contant, en vierhondert vier balen Cattoen voor den handel, benevens nog eenige goederen op den gedanen Eisch met versoek, dat Bloemendaal met eenige koopmanschappen, bodde aan handen mogten zijn, ten eersten weder na derwaards door de Noorder maldivos mogt gesonden werden; in so Verre alhier geen Compagnie om spoedig tegelijk te kunnen zeijlen, mogt gevonden werden, vsrmits dien bodem aangelegt was, om met vragt goederen na Mocha te vertrecken, waar toe hij zijn tijd, om nog vroeg ge„ „noeg aan handen te zijn, zoude van noden hebben, wethal„ „ven ook goedgevonden en verstaan wiert om Bloemendaal ten eersten en sonder rutsel van de mede gebragte Contanten, Donderdag Den 3„e Iannuarij A„o 1754. alle Present. 't Cattoin, en verdere benodigtheden te doen ontlossen, en als dan sonder het minst retardement door de noorder maldivos„ aangesien het ordinair voorwater, om de wille van de omzwervende zee schuijmers voor een schip al te gevaarlijk is, na souratta te rug te zenden, mitsg„s op het versoek van de ministers deselve breginese militairen, dewelke met De Liefde hier te rug gekomen zijn, weder op Bloemendaal te plaatsen, en de ministers te Communiceeren, dat den Lieutenant Adrianus Van Gelderen, en alle toekassen militairen, wel„ „ke men verleden Jaar per Den Admiraal de Ruijter uit het mallabaarsche quamisoen na derwaards ge„ „Commandeert heeft, op Cochim behouden gerever= „teert zijn.— Onder dit Capittel informeerde den heer Commandeur de vergadering, dat zijn E: de zoldij reek:s van voorsch: oosterse militairen hier formeel had doen afsluiten om bij de Couratse zoldij boeken voorttelopen, om reden de ministers hadden goedge„ vonden de verstickte kost- en maand-gelden aan gedagte militairen ten bedragen van ƒ5258: 8. —. dit Commande„ ment bij factuura ten Laste te brengen, en aangesien meer„ melte militairen ten dienste van de fouratse directie van hier zijn verlonden en g'emploijeert geworden, zo propo= neerde den heer Commandeur, of het met een goede huijshouding niet beter zoude Convenieren, dat die 't Cattoen, ongelden
English
239 From Malabar under date 8 March Anno 1754. From Malabar under date 8 March Anno 1754 expenses were charged to that account, and that consequently the aforesaid amount was to be recalculated, which proposal having been deliberated upon, it was unanimously resolved to recalculate those expenses back to Surat, considering that the ministers will not take this treatment amiss, as it is customary and, so to speak, natural; Furthermore, it was agreed to congratulate the new director, Mr. Johan de Both, upon the Surat Directorate, and to assure His Honor of the willingness of the Malabar ministry toward the continuation of the amicable correspondence, which has always been maintained with great precision between these two offices to the utmost benefit of the Company; Furthermore, the Commander communicated that the outgoing director, Mr. Johannes Pecock, was fetched from aboard the ship De Liefde by two political members with the orembai, and welcomed by the ordinary battalion with beating drums, flying banners, amidst the firing of 15 cannon shots, and conducted to the Commandery; Upon the intelligence received from Cannanore by letter of 19 December last that 9 pirate galleys had appeared there in sight of the fortress, the Commander had thought fit to send the sloop Maria Laurentia with a quantity of lime and some necessities to Quilon, instead of to Chettua as was resolved at the session of 20 December last, and to await further report regarding the roaming of the pirates, so as to be able to let a vessel depart in safety to fetch lime to Chettua, with which conduct the meeting fully concurred; By letter of 24 December last, the servants of Cannanore report a notable incident, namely how the two native vessels that were recently sent thither with some goods were chased off Cotteca by ten galleys, apparently of the pirate Mollendin, and were forced to enter the river of Cotteca, so that, in order to avoid one danger, they had ventured into another, from which, however, they were fortunately rescued, partly through the prudence of the masters of these vessels, who pretended that the cargoes belonged to the Moorish regent Adij Ragia, but principally through the resolute and friendly assistance of the said Adij Ragia, who obliged Cotteca Marcaar immediately to release the said vessels, so that they, with their cargo, 241. From Malabar under date 8 March Anno 1754. Malabar under date 8 March Anno 1754. arrived safely at Cannanore, as can be seen in further detail from the aforesaid Cannanore missive; and since Adij Ragia in this instance has rendered the Company a notable service and has shown his goodwill, it was deemed equitable to order the Cannanore servants to thank this regent politely on the Company's behalf for that shown friendship. Whereas, according to a letter from Cranganore dated the first of this month, the palm-leaf guardhouse at Aycotta is in danger of collapsing through old age, it was approved to authorize the Commandant to have the said guardhouse repaired and to purchase the necessary materials for it. Per De Johanna Catharina, which returned from Ceylon on 22 December last and brought here 35 lasts of firewood taken in en route at Tuticorin, a missive dated 14 December was received, in which the friends of Tuticorin, by order of the Ceylon government, ask whether the pepper that Raja Raja of Travancore is to deliver at Cape Comorin shall be paid for there itself, it was agreed to respond in answer that they please be so good as to have that pepper paid for at the place where the same shall be delivered by Travancore; Furthermore was read the letter which the ministers of Ceylon wrote under date 21 November 1753 to Cochin accompanying the said sloop. Next, there being submitted by the Commander the nominations of new members of the boards of Orphan Masters, Small and Matrimonial Affairs, as well as of Fire and Ward Masters, handed over to His Honor by the respective presidents, it was agreed to make no change in the aforesaid boards, and likewise to let the present elders and deacons continue in accordance with the ecclesiastical resolution of 27 December last. Furthermore, it was agreed to send to Negapatnam by the first occurring shipping opportunity the wooden beams which the ministers demanded from here in their letter of 20 November last; The Quilon servants making a request that the 3409 lb of pepper found short on the shipped parcel of 360632 lb, calculated at 1½ per cent dryage, may be written off, it was agreed, since that deficiency is not too excessive, to grant the same; According to a letter from Quilon dated 21 December last, the ship Zuijderburg departed from there for Galle a day earlier with a quantity of 360632 lb of pepper, so that the said vessel has taken along from this coast a total of 667727 lb of pepper.
Dutch transcription
239 Van Mallabaar onder dato 8„' Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder dato 0„e Maert A=o 1754 ongelden aldaar ten laste gebragt werden, en men overzulks voorsz: montant kwan te rug terekenen, over welken voorstel geraiso= „neert zijnde, so wierd eenhariglijk besloten die on„ gelden weder na Souratta terug te rekenen in begrip„ dat de ministers dese behandeling als eigen en om zo te spreken, natuurlijk zijnde, niet kwalijk nemen zullen; Voorts is verstaan den nieuwen heer Directeur Jo„ „han de Both met de souratse Directie te fele„ „citeeren, en zijn E: te versekeren van de bereijdwillig„ „heid van het malhabaars ministere tot Continuatie van de minsame Correspondentie, die altoos tusschen dese twee Comptoiren ten minste nutte vande maat= schappije met veel praecietheid inderhouden is; Voorts Communiceerde den heer Commandeur, dat den afgaane heer Directeur Iohannes Pecock door twee politicque leden met d' Orangbaaij van boord van 't schip De Liefde afgehaald, en door 't ordinaire Battalljon, met slaande trom, ten vliegende Vaandels, onder 't losbranden van 15: Canon schoten verwelkomt, en in 't Commandement geconduiseert is; Op de bekomene tijding van Cannanoor bij bier van den 19„e xber: passo dat aldaar uit gezigt vande fortresse 9: voor- galwees verschenen waren, had den heer Comman„ „beur goedgevonden om de Chialoup Maria Laurentia in plaats van na Chettua, zo als ter sessie van den 20„e xber: J„o weken geresolveert is, met een parthije kalk en eenige benodigtheden na Cuilan te zenden, en nader berigt wegens de omswerving der roovers aftewagten, om met gerustheid een vaartuig tot den afhaal van kalk na Chettua te kunnen laten vertrekken, met welke behandeling de vergadering zig volkomen Confor= „meerde; Bij briev van den 24„' xber: pass=o bedeelen de bedin„ „dens van Cannanoor een bijzondere Casus, hoe dat nament„ „lijk, de twee inlandsche vaartuigen die men Jongst met ee„ „nige goederen na derwaards gesonden heeft, op de hoogte van Cotteca door thien galvels apparentelijk van den rover Mol„ „lendin nagejaagt en genoodszaekt zijn geworden de revier van Cottecia binnen te lopen, zo dat ze, om een ge„ „Naar te vermijden, zig in een ander begeven hadden, waar uit De egter weder gelukkig zijn gered geworden, eensdeels door de voorzigtigheid van de hoofden deser vaar= tuijgen welke voorgaven, dat de Ladings den moors regent adij Ragia toebehoorden, dog voornamentlijk door de Cordate en Vriendelijke adjude van gem: Adij Ragia, die Cotteca Maarcaar verpligt heeft gem: vaar„ „tuigen inmediaat te largeren, so dat ze met hunne ladingh 9. v00r glrelst behouden 241. Van Mallabaar onder dato 8„e Maart A„o 1754. Mallabaar onder dato 8„e maart A„o 1754. Jan behouden op Cannanoor g'arniveert zijn gelijk nader uit voorsch: Cannanoorse missive te zien is, en nademaal adij Ragia in dit geval de Comp:e een merkelijke dienst gedaan, en zijn welmenentheid heeft blijken laten, so is billijk g'oordeelt de Cannanoorse bediendens te ordonneeren, „ on de„ „sen regent voor die bewesene Vriendschap 's Comp:s wegen beleefdelijk te bedanken. Dewijl volgens brief van Cranganoor de dato primo de„ „zer d'ola wagt te Aijcotta gevaar loopt van doorou„ „derdin veerftestoten, so es goedgevonden den Commandant te qualificeren om gem: wagt repareren te laten, en daar toe denodige matenalen intekopen. — Per De Johanna Catharina welke op den 22„' xber: pass„o Van Ceilon is terug gekomen, en 35. Lasten Dout en passant tot TutucConjar ingenemen, alhier heeft aangebragt, ontfangen zijnde een missive gedateert 14„e xber: waar bij de Vrunden van Tutuconijn ter ordre van de Ceilonse regening vra„ „gen, of de paper die ragia ragia Trevancoor aan Caab Commerijn staat te Leveren, daar zelfs zal betaald worden, so is verstaan in antwoord tereson„ „beren, dat zij maar zo goed gelieven te zijn van die peeper te laten betalen, ter plaatse daar deselve door Trevancoor zal werden gelevert; Voorts werd gelesen den bover dien de ministers van Cecton ten geleede van ged: Chialoup sub dato 21„e 9ber: 173. na Cochim geschreven Vervolgens door den heer Commandeur ingebragt zijnde de nominatien van nieuwe leden der Collegien van weesmees„ „teren, kleine, en huwelijkse zaken, mitsg„s van brand en wijk„ „meesters door de respective C presidenten aan zijn E: overge„ „geven, so is verstaan in voorsch: Collegien geen verande„ „dring te maken so meede de prasente ouderlingen en Diaconen te laten Continueeren volgens de kerkelijke resolutie van den 27„e xber: Jongstleden. — wijders is verstaan bij voorkomende scheeps occasie na Nugapatnam te senden de houte swalken, die de ministers bij hun bier van den 20„e November pass„o van hier g'eischte hebben; De Coilanse bediendens versoek doende dat de 34 09 ld peper, die op de afscheepte par„ „thije van 360632: lb temin zijn ontwaard, berekende 1½: p„r C„o soh=s mogen werden afgeschreven, so it verstaan, dewijl die minderheid niet te Excessiev is, zulks taccorderen; Volgens bier van Coilan de dato 21„en xber: 1„r Leden: is het schip Zuijderburg een dag bevoren:/ met een quantiteuijt van 360632: lb keper van daar na Gale vertrocken, zo dat gem: bodem in't geheel van dese kust 667727: 6 seper heeft mede genomen.. — hebben men hebben
English
From Malabar under date 8 March Anno 1754. From Malabar under date 8 March Anno 1754. Although, said the Lord Commander, it was resolved in the latest meeting on 20 December of the past year to have 13000 rd=s delivered to the King of Cochin upon his request made in that regard, provided that His Highness, as indemnification to the Company, would mortgage the 10½ villages and a deduction from his dues from the alfandega, this aforementioned resolution, continued His Honour, could not take effect, because His Highness, despite his given word, could not see fit to alienate the 10½ villages, under the pretext of having ceded the same to the pagoda, and therefore His Honour also made difficulties about handing over such a considerable sum without any security upon which one might in time find one's guarantee, yet since His Highness has permitted his dues from the alfandega to be withheld in reduction of his debts to the Company, His Honour, at His Highness's earnest instance, had let him have 300 rd=s, as appears from the following ola. Translation of the ola by the King of Cochin to the Honourable, Right Venerable Lord Commander Fredrik Cunes dated 30 November 1753. By this we permit that the Honourable Company may withhold the dues from our alfandega in reduction of our former debts, and the currently borrowed 3000 rd=s. In the year Quilon 929, the 13th of the month of Dhanu M:S: or Anno 1753, 24 December, this ola was written by Pattattil Ambadi and signed by His Highness at the top of this. Below stood: for the translation, Cochin, date as above. Signed: G: v: d: Linde, Sworn Translator. Right Venerable, highly commanding Lord, The trade books of Cochin of the year 1752/3 having been brought to a close, and the balances before and after the same having been further by us, To the Honourable, Right Venerable Lord Fredrik Cunes, Commander and supreme ruler of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla. Lastly, the Lord Commander informed the assembly that the ships Pijlsweert, De Vreede, Wimmenum, and the bark Jaccatra departed on 24 December past for Batavia, Surat, and Persia, which was accepted by the assembly for information. The trade and pay books of this Commandery, and those of the subordinate offices, having been examined by the specially appointed commissioners, the Junior Merchant Harmanus van der Steeg and Bookkeeper Laurens Trogh, and no excesses being perceived, and now brought into this meeting and further reviewed, and being found in order, it was resolved to send the same with our annual advices to Batavia and to insert the report of the aforementioned commissioners herein. The members having also completely conformed to this. Having the undersigned 243. 245 From Malabar under date 8 March Anno 1754. From Malabar, under date 8 March 1754. 1 guard ship the undersigned accurately reviewed, and no excesses having been found therein, we have subsequently also exactly reviewed and examined those of the subordinate offices of this Commandery of the said year, and found the same to be properly kept and closed. Wherewith hoping to have carried out our assigned commission according to Your Right Venerable's esteemed intention, we shall remain with deep respect. Below stood: Honourable, Right Venerable, highly commanding Lord, Your Right Venerable's humble and obedient servants. Was signed: H: v: d: Steeg and L: Trogh. In the margin: Cochin, 21 December Anno 1753. Cochin, date as above written. Was signed: F: Cunes, N: Bowijn, D: Bos, Godefridus Weijerman, S: Feith, M: N: Beijts, A: van Vechten, H: van der Steeg, & David Hendrik Westphal. Tuesday, 8 January Anno 1754. All present, as also the Heer Weijerman, except for the Heer Bos due to indisposition. Today being ninety-one years since this city was conquered and possessed by the Dutch Company, mutual congratulations were exchanged on that happy event, and subsequently the collective colleges were called inside, and after announcement of the decision taken in their regard on the 3rd of this month, the continuing members were requested to be pleased to apply their further good offices to the promotion of the affairs of their respective colleges. After this, the Lord Commander informed the assembly that the ship De Liefde departed on the 5th instant for Galle, and the Lord Director Pecock was conducted on board the aforementioned vessel with the same honours with which His Honour had been received, further producing a requisition of some necessities submitted by the Captain of the ship Bloemendaal, reading as follows: Rations: 2 barrels of meat 2 stacks of firewood The necessary water 100 cannonballs of 8 lbs for two brass eight-pounders, for which no balls have been provided. Right Venerable, highly commanding Lord, The undersigned Captain at sea of the ship Bloemendaal lying here in the roads, Willem Marschiesse, respectfully informs Your Right Venerable that he has necessary need for the service of his vessel under his command: To the Honourable, Right Venerable Lord Fredrik Cunes, Commander and supreme ruler of the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla.
Dutch transcription
Van Mallabaar onder Dato 8„' Maert A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A:o 1754. Alen heeft zeide den heer Commandeur in de Jongste bij een komst op den 20„e xber: des gepasseerden Jaars besloten om aan den koning van Cochim op zijn dierwegens gedaan versoek 13000: rd=s te laten afgeven, mits dat zijn hoogh„s tot schadeloos stelling van de Comp: kwan te verhij„ „pothicqueeren de 10½. dopen, en aftekin van zijn geregtig„ „heid uit d'alpahandigo, egter heeft voorsch: resolutie, ver„ „volgde zijn E: geen Effect kunnen serteeren, door dien zijn hoogheid ongagt desselfs gegeven woord niet heeft kunnen goed„ „vinden, om de 10½. dorpen teverhanden, onder voorvending van deselve aan de pagood afgestaan te hebben, en daar om bij zijn E: ook gedifficuleert is geworden, om so een montable zom zonder eenige versekering, waarop men inder tijd zijn guarand zou mogen Vinden, aftegeven, vermits zijn hoogh„t egter heeft toegestaan dat en afkorting van zijn schul„ „den aan de Comp: zijne geregtigheden uit den alphan„ „digo kunnen werden ingehouden; so had zijn Eraan zijn hoogh„s op desselfs emstige instantie 300: rd„s vertrekken la„ „ten, blijkens d'ondervolgende ola. Translaat ola door den Koning van Cochim aan den E: E: agtb: heer Com„ „mandeur Fredrik Cuno Gest: on„ den 3„e br 173 Bij desen stanen wijtoe, dat D'E: Comp:e de geregtigheden van onse alphandige kan inhouden in afkorting van onse voorige schulden, en thans opgenomen zi rd„s 3000:, Jn het Jaar Coilan 929. den 13. van de maand Danoebam M: S: ofte A„o 1753. den 24„' xber: is dese ola door Pastottil ambadij geschoeven en bij zijn hoogh„t uit hoofd deses geteve:t /:onderstond:/ voor de translatse Cochem dato ut supra /:getekend:/ G: v: d: Linde Gesw: transbateur. — E Agtb:r wel gebiedende Heer „ De Negotie boeken van Cochim des Jaars 17 2/3. op het sluijten „gebragt, ende voor, en na restanten van deselve naderdre door ons Aan den E: E: Agtb:r Heer FFredrik Cunes Commandeur & oppergebieder der Custe Mallabaar Canara en Wingurla Laastelijk mackte den heer Commandeur de vergadening bekend, dat de schepen Pijlsweert, De Vreede, Wimmenum en de Barcq Jaccatra op den 24„' xber: pass„o na Batavia, souratta, en Persia vertrocken zijn, 't geen bij de vergade„ ring voor Communicatie wierd aangenomen. — De Negotie en zoldij boeken van dit Commandement, en die ter subalterne Comptoiren door Expresse gecommitteerdens den onderkoopman Harmanus van der Steeg, en boekhouder Laurens Trogh nagesien en geeve Excessen ontwaard, en thans in dese vergadering gebragt nog nader geresumeert, t wel bevonden zijnde, zo is verstaan deselve met onse Jaarlijxse advesen na Batavia tesendin„ en het rapport der voorsch: gecommitteerdens in desen te Jn„ Hebbende de leden zig hier mede ook volkomentlijk geconformeert. Hebbende ondergetekende severen. G 243. 245 Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754. Van Mallabaar, onder Dato 8„e Maart 1754. 1 uijtlegger „ondergetekende naauwkeurig gedesumeert en daar inne geen Ex„ =„cossen gevonden zijnde, hebben wij vervolgens die van subatteme „Comptoiren deses Commandements, van gemelte Jaar ook „Exact gerecumeert en gevisiteert, en bevonden deselve „behoorlijk gehouden en gesloten te zijn, Waar mede verhopende onse opgelegde Commissie na V„ E: agtb: „ „g'Eerde Jntentie te hebben volbragt, so zullen wij met „diep respect blijven /:onderstond:/ E: E: Agtb: welgebie„ „dende Heere, VE: E: Agtb: onderdanige 1 Gehoorsame Dienaren /:was getekend :/ H: V: E: Steeg, en V„n Trogh „/: in margine:/ Cochim Den 21„e xber: A„o 1753. — Cochim dato voorschreven /was getekend:/ F=t Cunes, N=s Bowijn g D„ Bos Godefridus weijerman S„ Feitk, M: N=k Beijts A=s van Vechten, h:s V:n d:r Steeg, & David Hen= drik Westphal. Dingsdag Januarij anno 1754. Den alle Praesent Toe meede D' Weijerman, Dempto D E: Bos door Indispositie. — Heden Een en Negentig Iaren zijnde, dat dese stad bij de hollandsche maatschappije verovert en beseten is, so wierden over dat gelukkige venement af en weder de filicitatien 2. vaten vleesch 2. stapels brandhout 't nodige water 100: kogels van 8. lb tot twee metale agt ponders, waar toe geen kogels verstrekt zijn. E„ Agtb: welgebiedende Heer: Den ondergetekende Capitain ter zee van het alhier ter rhede leggend schip Bloemendaal willem Marschie„ „se geeft VE: E: agtb: in Eerbied te kennen dat hij ten dienste van zijn onderhebbende bodem noodsaekelijk van doen heeft. Aan den E: E: Agt: heer Fredrik Cunes Commandeur & oppergebieder der Custe Mallabaar Canara & afgelegt, en vervolgens de gesamentlijke Collegien binnen geroepen, en na bekendmaking van 't besluijt op den 3„e deser ten hunnen opsigte genomen, de Continuerende hebben leden versogt hunne verder goede offictien te willen aanwenden tot bevordering van de zaken hunner respective Colle„ „gien; Hier na maekte den heer Commandeur de vergadering be„ „kend, dat het schip De Liefde op den 5„e Courant na Gale vertrocken, en den heer Directeur Pecock met deselve koneurs, waarmede men zijn E: heeft inge„ „haalt, na boord van voorsch: bodem gerconduiseert is, proucerende Voorts een eisch van Eenige benodigtheden door den Capitain van 't schip Bloemendaal inge„ „diend Luidende als volgt. — afgelegt, Randsoenen Wingurla. -
English
247. From Malabar under date 8 March Anno 1754. From Malabar under date 6 March Anno 1754. Rations for 32 soldiers who arrived here and were not provided for as far as Souratta Item for 38 Buginese soldiers who are now crossing over to the said Directorate. All of which the petitioner requests may be provided to him. Below stood: Which doing etcetera. Signed: W: Marchise. In margin: Cochim the 7 January Anno 1754. And whereas the requested goods are required for the service of that vessel according to the following report of the Master Attendant Harsing. To the Right Honorable Worshipful Fredrik Cunes Commander and Governor-in-chief of the Malabar Coast, Canara and Wingurla Right Honorable Worshipful Sir. In obedient compliance with Your Right Honorable Worship's much-esteemed order, I have accurately examined the requisition of the Captain-at-sea of the ship Bloemendaal lying here in the roads, Willem Marschiese, and found that he indispensably needs for the service of the vessel under his command, One lower outrigger. Two barrels of meat Two stacks of hoop wood The necessary water One hundred cannonballs of 8 lb for two metal eight-pounders for which no cannonballs were provided. Rations for 32 soldiers who arrived here and were not provided for as far as Souratta: Item for 38 Buginese soldiers who are now crossing over to the said Directorate. Wherewith hoping to have complied with Your Right Honorable Worship's much-esteemed order, I shall assume the honor of being and remaining. Below stood: Right Honorable Worshipful Sir, Your Right Honorable Worship's humble and obedient Servant. Signed: J. Harsing. In margin: Cochim the 7 January Anno 1754. Cochim the 8 January Anno 1754. Signed: N. Bowijn The Chief of Cannanoor, Godefridus Weyerman, having delivered a demonstration concerning the condition and situation of the Company's conquest Carla 1450 lb cotton on 145000 lb making 1 percent Finding drawn up by the undersigned Principal Administrator and submitted to the Right Honorable Worshipful Fredrik Cunes, Commander and Governor-in-chief of the Malabar Coast and its dependencies, concerning 1450 lb Sourat cotton delivered in excess beyond the permitted write-off by the officers of the ship Bloemendaal on a quantity of 145000 lb brought from Souratta for this Commandery, whereupon Your Right Honorable Worship's disposition was requested. The Principal Administrator Bowijn having submitted a finding concerning 1450 lb of cotton delivered in excess beyond the permitted write-off by the officers of the ship Bloemendaal on a quantity of 145000 lb brought from Souratta for this office, it was decided to have the buyout value thereof paid to the officers and to incorporate the said finding into this resolution. It was decided to deliver the items requested and to let this ship depart tomorrow through the northern Maldives to Souratta. Co with 249 From Malabar, under date 8 March Anno 1754. From Malabar under date 8 March Anno 1754. With regard to the request made repeatedly by the princes of Colastri to be permitted to build a pagoda there and some other matters, after reading this document it was approved and decided upon the proposal of the Commander to send an authentic copy thereof by the first opportunity to Batavia, with the addition of the necessary remarks on the points contained therein. Said Chief Weyerman having complained about the bad and reproachful conduct of Sergeant Justus Wolff and having requested that he might be relieved of that person, it was decided to recall the said Wolff from Cannanoor to Cochim in order to keep a closer eye on him, and to appoint in his place as sergeant at 20 florins per month under a five-year contract Corporal Philip Hendrik Keuler, who according to the testimony of Weyerman is a sober and vigilant non-commissioned officer, and therefore not unworthy of this favor. Cochim, date as above. Was signed: F. Cunes, N. Bowijn, Godefridus Weyerman, Gerrit Jan Feith, Martinus Jacob Beijts, Anthonij van Vechten, Hans van der Steeg, and David Hendrik Westphal. Saturday The ship Den Admiraal de Ruijter having arrived here yesterday from Batavia via Gale, and having received therewith Their High Noble Excellencies' general dispatch of 15 November 1753 and all such annexes as are listed on the register, the same were read and examined attentively in this meeting in order to observe and execute the orders contained therein properly. Whereupon the Commander informed the members that Colonel Bernard Macasrij had arrived here from Gale by the aforementioned vessel and had requested to be excused from introduction into the meeting and from taking over the command of the military until the 10th of this month, because he felt somewhat fatigued from the voyage and wished first to arrange his affairs. Furthermore, the Commander communicated to the meeting that the ship Bloemendaal had departed for Souratta on 10 January last, and had been provided with a written order to proceed with the voyage through the northern Maldives, since the ordinary route on account of Saturday The 2 February Anno 1754. Excepting the Honorable Van der Steeg due to indisposition. From G ƒ
Dutch transcription
247. Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 6„' Maart A„o 1754. Randsoenen voor 32: militairen die alhier aangekomen en tot souratta niet verstrekt zijn Jtem voor 38. boeginese militairen dewelke thans na gem: Directie overvaren. welk een en ander versoekt den suppliant aan hem mag ver= „strekt werden /:onderstond:/ Twelk Doende &„a /:getekent:/ W: Marchise /: in margine:/ Cochim den 7„e Januarij A„o 1754. En dewijl d' geischte goederen ten dienste van dien bodem benodigt zijn volgens het ondervolgende rapport van den Equipagiemeester Harsing. Aan den E:E: Agtb: Heer Fredrik Cunes Commandeur & oppergebieder der Custe Mallabaar Canara V Wingurla Agtb: welgebieden de Heer. In obedientie naarkoming van UE: E: agtb: Veel g'eerde bevil„ heb ik den Eijsch van den Capitain ter zee van het alhier ter rhee„ „de, leggend schip Bloemendaal willem Marschiese, nau w= keurig g'Examineert en bevonden dat denselven ten dienste van zijn on„ „derhebbende bodem noodsakelijk van noden heeft, Een Le uijtlegger. twee vaten vleesch twee Htapels bandhout 't Nodige water Een hondert kogels van 8: lb tot twee metale agt ponders waar toe geen kogels verstrekt zijn. randsoenen voor 32: militairen die alhier aangekomen en tot Souratta niet verstrekt zijn: Jtem voor 38. boegineese militairen dewelke thans nagem: Directie overvaren. waarmede verhopende voldaan te hebben aan UE: E: agtb: veelg'agte be„ „vel so zal ik mij de eere aanmatigen van te zijn en blijve /:onderstond:/ E: E: agtb: welgebiedende heer, VE: E: agtb:s onderdanige en gehoorsa„ „me Dienaar /:getekend:/ J„b harsing /:in margine:/ Cochim den 7„' Januarij A„o 1754: — Cochim den 8„' Januarij A„o 1754. (:getekend:) N=s Bowijn Het opperhoofd van Cannanoor Godefridus Weijerman, overgelevert hebbende een demonstratie wegens de gelegentheid en situatie van 's Comp:s Conquest Carla„ 1450: lo Cattoen op 145000: lb makende 1. p„r C=to Bevinding door den ondergetekende hoofadministrateur opgemaekt en overgegeven aan den E: E: agtb: heer Fredrik Cunes Commandeur en oppergebieder der Custe Mal„ „labaar met den Resorte van dien wegens 1450: lb sourat„ „se Cattoen, door de overheden van 't schip Bloem en„ daal, op overgebagte quantiteijt van souratta voor„ dese Commanderije groot 145000: lb voor de gepermit„ „teerde afschrijving meerder gelevert waar op VE: E: agtb: dispositie werd versogt. Door den p„l hoofd administrateur Bowijn ingediend zijnde een bevinding wegens 1450: lb Cattoen door de overheden van 't schip Bloemendaal op een aange„ bragte quantiteijt van 145000: lb van Souratta voor dit Comptoir, voor de gepermitteerde afschrijving meerder uijtgelevert, so is verstaan dies bedragen uitkoops aan d' overheden te laten voldoen en gem: bevinding bij dese resolutie in 'te lijven. — ois verstaan het een en ander aftegeven en dit schip opmorgen door de noorder maldivas na souratta vertrok„ „ken te laten. — Co met 249 Van Mallabaar, onder dato 8„e Maart A:o 1754. Van Mallabaar onder dato 8„e Maart A:o 1754. met betrekking tot het meermaal gedaan versoek van de prin„ „cen van Colastrrij, om aldaar een pagood te mogen buuwen en eenige andere zaken meer, so is na genomene lectura van dit schriftuur op de propositie van den heer Com„ „mandeur goedgevonden en verstaan, het selve in Cohie authen„ „ticq bij eerste occasie na Batavia te senden onder bij voc„ „ging van de nodige remarques over de poincten daarinne gecontineert. Gem: opperhoofd Weijerman over het slegten resprocha„ „bel gedrag van den sergeant Iustus Wolff geklaagt, en versogts hebbende dat hij van die persoon mogt werden, ont„ slagen, so is verstaan gem: Wolff, om wat naderop heen te kunnen letten, van Cannanoor na Cochim opnteroen, en in zijn plaats tot sergeant met ƒ20: ter maand:s onder een vijfjanig verband aantestellen den Corporaal Philip Hendrik Keuler, die volgens de getuijgens van weijerman een nugter en vegilant onderofficier, en oversulks dese gunst niet onwaardig is Cochim dato voorschreven. /:was getekend:/ F=k Cunes, N„s Bowijn, gde„ Jndus weijerman, G„t J„n Feith„t M=s J=r Beijts, Anthonij van Vechten, H„s. d„r steeg, en David hendrik V Westphal. Saturdag Het schip Den admiraal de Ruijter op gisteren van Batatia over Gale alhier g'arriveert, en daar mede ontfangen zijnde haar hoog Edelhedens generale rescuifitie van den 15„e November 1753. en alle Del„ „ke bijlagen als op het register zijn bekend gesteld, soo wierden deselve in dese bij eenkomst met attentie gele„ „zen en nagesien, ten einde de ordres daar inne geconti„ „neert nabehooren te observeren en ter Executie testellen. waar na den heer Commandeur de leden bekend maakte„ dat den heer Collonel Bernard Macasrij, per voorsch: Bodem van Gale hier aangekomen was, en versogt hadom van de introductie in de Vergadering, en het overnemen van 't Commando over de militie tot den 10„e deser g'Excuseert te blijven, door dien hij zig van de Reis nog wat gefatigeert bevonden, eerst zijne zaaken Redderen wilde; Voorts Communiceerde den heer Commandeur de Vergadering, dat het schip Bloemendaal op den 10„e Januarij pass„o na Souratta vertrokken, en van een schrifte„ „lijke ordonnantie versien was, om de reis door de noorder mal„ „divos voorttezetten, aangesien de ordinaire route om de wille Saturdag Den 2„e Frebruarij Anno 1754. Dempito DE: van der steeg door Jndispositie. Van G ƒ
English
251. From Malabar, dated 8 March, in the year 1754. From Malabar, dated 8 March, in the year 1754. is perilous for a ship on account of the roving pirates; further, that the sloop De Maria Laurentia has been sent to Quilon for the second time to deliver necessities and masonry lime, and to sail from there to Tengapatnam to collect the linens that have been delivered and lie ready there. A sample of sailcloth having been received from Tengapatnam, which upon inspection was found to be very good and sound, and the supplier having undertaken to deliver the piece measuring 100 cobidos in length and one ditto in width to the Company for six rupees, the Lord Commander had approved authorizing Resident Weijns to have 200 pieces made, each 100 cobidos long and one ditto wide, as appeared to the assembly from the letter sent to Tengapatnam under date of 31 January last. A cargo of masonry lime lying ready at Chettua, it was approved and agreed upon the proposal of the Lord Commander to communicate this to the ministers at Quilon, so that, being in need of the said lime, they might send a ship or other vessels at hand hither as soon as possible to collect it; when that ship or those vessels shall be remitted as quickly as possible, and to send their Honors the cowhides and pepper that have come in since the departure of the ship Zuiderburg, so that they will not need to be at a loss for this grain and skins for the upcoming return shipment. In order to be as concise as possible in this matter, I shall, with Your Right Honorable Esteemed approval, omit mentioning here the causes from which the troubles between the Canarese King and the Honorable Dutch Company arose in the year 1731, and report only in that regard that this gave the greatest occasion to the Honorable Company Demonstration made and submitted with great respect by the Merchant and Head of Cannanore, Godefridus Weyerman, to the Right Honorable Lord Fredrik Cunes, Commander and Chief Governor of the Malabar Coast, Canara, Vingurla, etc., together with the Honorable Political Council, concerning the Honorable Company's conquest of Carlay. Cochin, date as above. Signed: Fredrik Cunes, N. Bowijn, D. Bos, Master H. Beyts, W. J. Feth, A. van Vechten, and D. H. Westphal. Below was written: Agrees. Signed: Jacobus Weijn, First Clerk. In the margin: For checking, P. Trogh, and for reading aloud, J. Dams. From Malabar, dated 8 March, in the year 1754. From Malabar, dated 8 March, in the year 1754. to join their arms in the year 1736 with those of the King of Colastri, and jointly dislodge from there that then-triumphant Canarese prince who had penetrated into the heart of the kingdom of Colastri with a very considerable military force and had established himself on the hill named Carlay, situated approximately half a mile from the Company's fortress of Cannanore; whereby, and upon a subsequent voluntary cession by the said King of Colastri, concluded in a further agreement and confirmation of friendship under date of 24 December of the same year, the Honorable Company became the possessor of that hill Carlay and the surrounding arable lands, the district of which extends from north to south approximately 750 paces in length, and from the east side to the west 600 paces in width, being a countryside that was ruined to the ground by the aforesaid hostile invasion of the Canarese, but was formerly decorated very densely with all kinds of tree crops, and had been particularly renowned for the pepper that it produced in abundance and of singular quality; moreover, it was provided with a weavers' quarter and other buildings, as well as a prominent heathen pagoda where of old the new kings of Colastri, having been crowned, were accustomed to perform their first ceremony as king. This countryside having fallen, as aforesaid, into the power of the Honorable Dutch Company, it remains for the most part still uncultivated, although many of the natives would gladly see and wished that their king could come to an agreement with the Honorable Company regarding the rebuilding of the said pagoda, so that they might settle there without fear and not be subjected to the extortions and vexations to which the few inhabitants thereof—who have been enticed there since that territory came under the power of the Honorable Company—were repeatedly subjected by the princes and other grandees of the land, who practiced this out of a kind of discontent because the Honorable Company did not consent to the construction of the said pagoda; they have also repeatedly attempted to erect that pagoda by force and against the will of the Honorable Company, although such execution of their intentions has repeatedly been prevented and hindered, both through protests and the dispatching of military detachments, as well as by the added statement that the necessary consent from Their High Mightinesses was awaited for permitting that work; and although that place presently remains unmolested through the recently concluded alliance with the present rulers of Colastri, their Highnesses nevertheless redouble their requests for that reconstruction each time, and in particular, together with the Queen Mother on the occasion of the undersigned's latest visit to the court, they have [illegible] about it in Company Folio 253.
Dutch transcription
251. Van Mallabaar onder dato 8„' Maart A„o 174. Van Mallabaar onder Dato 8„' maar A„o 1754. van de omzwervende zee-rovers voor een schip te penculeus is, wijders dat de Chialoup De Maria Laurentia voorde tweede maal na Coilan gesonden is ten overbreng van be„ „nodigtheden en metzelkalk, en om van daar na Tengapat„ „nam te zeilen ten afhaal van de lijwaten, die aldaar gelevert zijn en klaar leggen; Van Tengapatnam ontfangen zijnde een monster van zeijl doek, dat bij besigtiging zeer goed en deugtzaam bevonden is, en den leverancier aangenomen heeft het stuk van 100: Cobidos lang een dito bereed voor ses ropias aan de Compe te bezorgen, so had den heer Commandeur goedgevonden den resident weijns te qualifceeren, om 200: stuks ieder van 100: Cobidos langen een dito breed maken te laten, ge„ „lijk de vergadering uit den bier aan vaw sub dato 31„e Janu= pass„o na Tengapatnam afgegaan gebleken is. — Op Chettua een Lading metselkalk in gereedheijd leg„ „gende, so is op de propositie van den heer Commandeur goedge„ „vonden en verstaan de ministers van Coilan zulks te Commun„„ „ceeren, ten einde deselve tot den afhaal van gem: kalk, deselve benodigt hebbende, ho eer hoe lieter een schip, of ander bij der hand zijnde vaartuigen kunnen herwaards zenden, wanneer men dat schip of die vaartuijgen ten spoe„ „digsten salvemitteere, en haar Edele te laten toekomen de koehuijden, en peper, die zedert het vertrek van 't schip Zuiderburg zijn binnen gekomen, op dat zijn voor de aanstaande retourbesending om dien korl en vellen niet behoeven verle„ Om in deeze zoo na doenlijk Compendiux te zijn, zal ik onder VE: E: agtb: g'eerd welnemen hier bij on aengevoerd laaten de oorsakken waar uijt de onlusten tusschen den Canareese koning, en D' E: Nederlandsche Compagnie in den Jaare 1731. ontsprooten zijn, en dien aangaande alleen melden, dat zulx demeeste aanleijding gegeven hadde, aen DE: Comp„e Demonstratie door den Coopman en opperhoofd, van Cananoor Godefridus Weijerman gedaan en met veel Eerbied overgelevert, Aan den E:E: Agtbr Heer Fredrik Cunes Commandeur en oppergebieder der Custe Mallabaar, Canara 4 Wingarla &=a Nevens den E: politicquen Raad, raakende 's E: Comp:s Conquest Carlaij. Cochim dato voorschre„ /was getekend:/ Fredrik Cunes ver N=s Bowijn D„l Bos, M„r H=k Beijts W„ J„n Feth, A=s V„n Vechten, en D„l h„k Gt Westphal; /:onderstond:/ Accordeert /:getekent:/ Jacobus weijn, Eerste Clercq /:in margine:/ voor 't Nasien P„r Trogh, en voor 't opleesen J„ Dams: „gen om „gen te zijn. — Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754. om derselver wakenen in den Jare 1736. met die van den koning Colastrij te confungeeren, en gesamenderhand dien toenmalig trumpherend Canareese vorst welke met een zeer aansienelijk krijgsmagt in 't herte van 't Colastrijse rijk was door gedrongen, en zich op den heuvel Carlaij gent: Circa, een halvonijl verre van 's Comp:s fortres Cananoor geleegen vas gensteld hadde, van daar te doen delogeeren, waar door, en op eene gevolgde vrijwillig afstand van geven gem: koning van Colastrij, bij een nader accoord en bevestiging van Vriend„ „schap onder dato 24„e xber: desselvigen Jaars gepasseerd, DE: Comp=s besitter geworden is, van dien heuvel Carlaij„ en de daar om her leggende zaaijlanden, welkers distrct is srtreckende van 't noorden, naar 't zuiden, Circa 750: voe„ „den in de lengte, en van de oost kant naar 't westen 600: woeden in de breete, wesende een Landschap dat door toorsz: vijandelijke invasie der Canareeten ten gronde genu„ „neerd dog eertijds zeer digte van allerhande boomgewassen. vercierd, en insonderheid zeer beroemd geweest ware, omtrend de peper die 't' selve in menigte, en van sonderlinge deugd voorthagtede, daar en boven was 't selve voorsien van een weevers Negenije, en andere buijseren meer, ook met een voornaamde heijdens pagood alwaar van ouds off de nieuwe koningen van Colastrij gekroond zijnde hun eerste Ceremonie als koning kwaamen, pleegen, dit land„ „schap als voor zegd, in de magt van D: E: Nederlandsche maat„ „schappije geraakt zijnde, esen blijft t' selve ten meesten„ „deele nog onbearbeijd, schoon veele van den landaard gaar„ „ne zagen en wenschten dat haren koning met D' E: Comp: invergelijk komen konde, omtrend de herbouwing van gerepte pagood, op datte zonder schroom aldaar zich ter nedersten, en niet participeren mogten, aen de torsen, en vexatien waar aen beweijnige bewoonders derselve die 't sedert dat land„ „schap onder de magt van DE: Comp: geraakt, is door aenlocking daar gebragt zijn, telkens onderworken waren van de princen en verdere landsgrooten, die 't selve oefsenden uijt een soord van misnoegentheid waarem D E: Comp: tot de Extructie van gew: pagood niet quame te Contenteeren, ook hebbense verschijdent„ „lijk geattenteerd om die pagood met force, en tegens de sennigheijd van D'E: Comp: opte bouwen, hoewel sulx zoo door protestatien, als het afzenden van militaire Commandos, mitsg„s daar bij gevoegde termon„ dat tot toelating van dat werk denoodige Consentatie, Van haar hoog Edelheedens wierde afgewagt, telkens den uijtvoer van hunne voornemen belet, en Verhindert gebleven is, en al schoon die plaatse door de Jongst gemaakte alliantie met de presen¬ „te regeerders van Colasteij thans ongemollesteerd blijft, nogthans Verdubbelen huin horgheden, telkens, hare Jnstantien tot die herbouding, in sonderheid hebbense nevens de princesse moeder bij de laatste optogt van den ondergeteekenden naar 't hoff, daar over in „schappije Fo. 253.
English
From Malabar under date 8 March anno 1754. From Malabar under date 8 March 1754 treated in very earnest terms, and made known, that if it cannot be otherwise, the Honorable Company would at least tolerate that a small stone, merely as evidence of a pagoda, might be allowed to be placed there, as their Highnesses' intentions are nothing other than to be able to fulfill their religious duties through a favorable permission from the Honorable Company, adding thereto, that if the Honorable Company were apprehensive in respect of that work, their Honors could, to prevent difficulties and for the increase of the Honorable Company's prestige in the Kolathiri kingdom, build a small fortification on the hill Carlaij, their Highnesses being very willing to place the servants and overseers of the pagoda under the subordination of the Honorable Company, and besides that, to contribute their part with full zeal so that several households would settle there, and through speedy planting and cultivation make that region flourish, so that the Honorable Company would in a short time obtain notable returns therefrom, while they, the princes, in recompense for that consent, would also contribute whatever might serve to revive the Honorable Company's trade, and without the least deviation follow up annually on the contracts made for the delivery of pepper. The place where the pagoda had previously stood is situated in a low valley which is exposed only on the west or sea side, but on the north, east, and south sides remains covered by high ground in such a manner that, even assuming the pagoda were in time converted into a stronghold, the same would nevertheless be of no use, and therefore, in my humble opinion, though with submission to your Right Honorable's far wiser judgment, the rebuilding of the aforementioned pagoda can all the sooner and with less hesitation be granted, noting at the same time how much the princes of Kolathiri will thereby become attached to the Honorable Company, for whose interest it was also maintained to be necessary that a small redoubt be built on the north corner of that hill, at the cost of circa five thousand guilders, provided with a small garrison of one sergeant, one corporal, and six privates, and mounted with 4 to 6 light cannons. The fruits which the Honorable Company would reap therefrom are distinct: first, the Honorable Company will govern that region undisturbed; the country people will in such case flock in great numbers to join themselves there under the safe protection of the Honorable Company and to cultivate the land; by erecting such a redoubt one will be able to command the entrance of the bay with the help of the fortress Cannanoor, which is situated opposite it in a half-circle; also the Moorish bazaar will thereby be enclosed, with which not only the transport of pepper from this marketplace can be prevented in every respect, but at the same time the Mohammedan inhabitants thereof can be kept under our direction and subordination; also one will then have not the least fear of any hostilities of the sea rovers by night and untoward times in the bay; but especially one will, by this post, be able entirely to cut off the desertion of our people to Tellicherry, as it is situated directly on the road, from where one has a very far view; furthermore, one will here at Carlaij with great convenience be able to collect notable quantities of pepper from the neighboring pepper-rich lands, Randetarra and Chialij. Being asked from where the expenses of the construction of a redoubt and the monthly pay of its garrison can in time be obtained, it serves as an answer that Carlaij now annually produces over six hundred farras of paddy, and the coconut trees recently leased yield sixty-six rixdollars a year, while the lands which have been granted to six heathens, Tivoff, Jatavienmana, Cadanacodaberroa, Allan Candijtjama, Barela Conhamij, Conhe Chanda, and Alaka Canda, for planting under a term of twenty years, are already flourishing fairly well with 300 coconut trees, 52 soursop trees, 40 mango trees, 300 areca trees, 133 pepper vines, from which and the further planting in time, after deduction of the Carlaij expenses, something will still remain toward easing the Cannanoor burdens. In the expectation that this my entirely respectful and sincere proposal will be taken into favorable consideration by your Right Honorable, and will be disposed thereof to the greatest service of our praiseworthy masters. Your Right Honorable's letter of the 21st of October I did not receive into my hands before the 28th of the past month, because my ship remained lying at Tellicherry this whole time waiting for a convoy. I am infinitely obliged to your Right Honorable for your polite assurance regarding the assistance which you are pleased to show to our ships, and your Right Honorable can be assured that I will do the same whenever any of your ships arrive in this port. I cannot doubt that your Right Honorable will have heard. Honorable Sir! To the Gentleman Fredrik Cunes, Commander of Cochin. disposed of, I remain with deep respect and most faithful devotion, was signed, Your Right Honorable's humble and most obedient servant, was signed, Godefridus Weijerman, in the margin, Cochin, the 20th of September anno 1753, lower stood, Agrees, was signed, Jacobus Weijn, late clerk, to the side stood, Examined, signed, Is. Caspeel.
Dutch transcription
Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754. Van Mallabaar onder dato 8„' Maart 1754 seer ernstige beweordingte bewoordinge gehandelt, en tekennen gege„ „ven, dat soo het niet anders weesen kan, d'E Comp: terminsten gedoogen wilde, om een hielje tot enkelde bewijs van pagood, aldaar te mogen setten laten, als weesende hun hooghedens- intentien niet anders dan om door een gunstig verloff van DE Comp:e te kunnen voldoen aen hunne g'loofs pligten, daar bij voegen„ „de, dat indien DE Comp: agter Cauissig waare in opsigte van dat werk, haar Edele tot verhoeding van zwaangheden, en aen„ groeij van 's EComp:s aansien in 't Colastrijse rijk, een kleene sterkte op den heuvel Carlaij bouwen konde, willende hun hoogheedens zeer gaarne de bedientens en opsigters van de pagood stellen en„ „der suboidonatie van DE Comp:, en daar nevens, het hare met vollen ijver bijbrengen dat verscheijde huijsgesinnen zich aldaar ter nedersetten, en door spoedige aenplanting en Cuttiveringe dat landschap flonsant doen werden op dat DE Comp: daar van in korte tijden naamwaardige rendementen behaalde, terwijl zij puncen in recompende van die toe stemming mede Contribueeren souden al wat dienen mogte tot opwackenig van 's EComp:s handel, en sonder deminste afwijking 'T Jaar„ „tijx opvolgen, de gemaakte Contracten van peper Leverantie; De plaatse alwaar de pagood bevoorens gestaan hadde, is geleegen in Een laage Valije die om dewest afte zeekand alleen„ „lijk blood legd, dog van de noord, Oost, en Zuid Lijden bedeckt blijft van hoogtens op eene wijse, waar door, dat schoon ge„ „noomen de pagood in dertijd tot eene sterkte verandert wiende, deselve egter van geen nutte zijn zoude, en daarom, mijns ge„ „ringe gevoelen edogh met onderwerping aan UWw E: E: agtb: veel wijser Oordeel te eer en met minder schroom de herbouwing van meerm: pagood kan werden ingewilligd, tegelijk aanmer„ „kende hoo zeer de princen van Colastrij daar door sullen verknogt werden aen D EComp:, Voor welkers belang mede sustineerde noodsakelijk te weesen, dat op de noordekoek van dien heuvel een kleene vondeel opgebouwd werde, ten koste van Circa Vijf Duijsend guldens, Voorsien van een geringh be„ „settingh, van een Dergeant een Corporaal, en ses gemeenen, en gemonteerd met 4: â 6: Ligte Canons; De Vrugten welke DE Comp: daar uijt plucken soude zijn onderscheijdentlijk; als voor Eerst zal D E Comp:e dat landschap ongemoeijt beheerschen, den land dand zal in zul„ „ken gevalle sterk toevloeijen om zich aldaar onder de veijlige bescherming van DE Comp: te voegen, en 't land te bearbeijden, men zal door 't opregten van zodanigen vondeel daar mede den ingang van de bhaaij Commandeeren kunnen met behulp van 't fortres Cannanoor dat in een halve Ciwel daar tegen. over geleegen is, ook zal demoerse basaar daar door ingeslooten zijn, waarmede niet alleen den Vervoer van peper van deese marctplaatse, in allen deele kan„ belet, maar teffens de mahometaansche bewoonders derselver onder onse Directie suldonatie gehouden worden, ook zal men dan in geenen deele tevreesen hebben voor de minste hostiliteijten deselve der Van Mallabaar onder Dato 8„' Maart A„o 1754 Van Mallabaar onder Dato 8„e Maart A„o 1754 der zee wooers, bij nagt en ontijden in de bhaaij, dog specialiter zal men door desen post, ten eenemaal afsnijden kunnen, de Dossic„ „tie van onse Volkeren na Jullicherij, als directelijk op weg geleegen zijnde, van waar men een seer Verre uijtzigt heeft; nog zal men hur te Carlaij met veel Commoditeijt naamwaardige Quantiteijten pieper insamelen kunnen van de daar van den grensende peper Bijke landen, Randetarra, en Chialij gevraagd wordende waar uijt de onkosten van den opbouw eener vendeel en de maandgelden van dies besettelingen, in der tijd zal kunnen behaald worden, „diend daar op dat Carlaij thans 's Jaarlijx uijtleverd muijm zes hondert farras Nelij, en de Jongst verpagte Clapper boomen rendeeren ses, en sestig nijxd„s 's Jaars, terwijl de gronden welke aen ses heijdens tivoff, Jatavien mana, Cadanacoda berroa, allan Candij tjama, Barela Conhamij, Conhe Chanda, en alaka Canda„ ter aenplanting onder bestek van twintig Jaren opgedra„ „gen zijn, al tamelijk flonseeren met 300. Clapperboomen, 52. soorsak bomen 40. Mangus bomen, 300. awreex boomen, 133. peper, ranken, waar uijt en de verdere aenplanting in dertijd, nae aftrek van de Carlaijse gastos nog ieswels resteerene zal, tot versagting, der Cananoorse lasten, Jnverwagting dat dit mijn gantsch eerbiedig en trouwhar„ „tig voorstell bij VE: E: E: agtb: in Gunstige aenmerking genoomen, en daar over ten meesten dienste, van onse loffelijke betaals heeren VE: E: Agtb: bier van den 21:' october heb ik niet eer aan handen gekregen, als op den 28:' der gepasseerden maand„ also mijn schip desen heelen tijd op Jallicherij es blijven leggen wagten na Convooij; Jk bon VE: E: agtb: oneijndelijk verpligt voor zijn beleefde versekering omtrend de adsistentie, die den selven gaarne aan onse scheepen wilt bewijsen en VE: Eagtb: kan ver„ „zekert zijn, dat ik het selvde doen zal, wanneer eenige dan zijne scheepen in desen haven komen, Ik kan niet wijffelen, of VE: E: agtb: zal gehoort hebben Agtbaren Heer! Aan D' Heer Fredrik Cunes Commandeúur van Cochim. gedisponeerd zal werden, Verblijve met diepe Eerbied, en getrouwste denklevingh, /:onderstond:/ V: E: agtbere, onderda„ „nige, en gehoorsaamste Dienaar /:was getekent:/ Goede„ „fniedus Weijerman /:in margine:/ Cochim den 20:' 7ber: A„o 1753 /:Lagerstond:/ Accordeert /:was getekend:/ Jacobus weijn leste Clernq /:ter zeijde stonde Nagesien /:getekent:/ I„s Caspeel. — gedisponeerd Van
English
259 From Mallabaar From Mallabaar the 27th July Anno 1754 of the unfortunate accident of his two ships and bark from Batavia, which were going to Souratta, which according to the best reports that I have been able to obtain, took place in the following manner, The aforementioned vessels arrived off the harbor of Quira, where they fired some guns, by which Angrea believed that he was being challenged, and thereupon sent out all the vessels that he had in the harbor to the outside, and two other goeraps also came on that occasion from outside, and Angrea was personally on board one of his galwets; three large goeraps and two galwets boarded a ship, which by an accident caught fire, along with the goeraps and galwets, which were also burned; the other ship was also burned by some accident, after it had inflicted great damage on several Goeraps of the Angrea, and the bark was taken: it is said that about 25 Europeans were taken prisoner. The Angrea has lost eleven or twelve hundred men and a great number of his people are wounded, who still walk about daily with their wounds. This news I heard from the inhabitants of this country, and many among them have confirmed the same: one of our vessels encountered the keel of one of the goeraps and the hull wrecked and burned, and several vessels of the merchants have also seen the pieces and wreckage of the ships. I believe that Angrea for a considerable time will not have the power to be so bold and reckless again, besides which the arms of Maratta No 1. Original letter by the Honorable Commander Fredrik Cunes together with the Council here, written to the aforementioned Their High Nobilities under date of this day. 2. Duplicate Letter dated 8th March of the past year, together with its Register of all such Papers as are now sent via Tuttucorijn and Chormandel to Batavia, consigned to His Nobility The High Noble, Right Honorable Lord, Jacob Mossel, Governor General and the Noble Lords Councillors of Netherlands India—Namely: against him may also be up. For the rest, offering nothing further, I await Your Right Honorable orders, for I am was written below: Your Right Honorable's obedient and humble servant was signed: Bs Bourchier in the margin: In the Castle of Bombay the 11th February 1754 Lower: for the translation into Portuguese signed: As van Vechten secretary Lower was written: Agrees signed: Jacobus Weijn First Clerk in the margin was written: Examined signed: Jsb Exspeel. — ratta annexes 261 From Mallabaar the 21st July Anno 1754 From Mallabaar the 21st July Anno 1754 annexes enclosed in a packet together with a chest with two sets of pay papers thereto belonging No 3. A closed official letter superscribed to the aforementioned Their High Nobilities. 4. Four items of Petitions, namely: 1 From Colonel Bernard Macraffrij, making request for the emoluments that he enjoyed in the aforementioned capacity at Batavia, and to be allowed to have the command over the artillery. 1. From the ship's captain and master of equipage Jacob Harsing, for increase of salary, as well as captain's board money and emoluments. 1. From the First Lieutenant of artillery Pieter Morijn, likewise petitioning for an increase of salary. 1. From Corporal Roedolff Schultz, transferred to the clerical service, pleading to be confirmed therein and to be favored with the assistant's board money. 5. A bundle of Copy Resolutions from 2nd March to the 6th instant, provided with a register divided under applicable titles. 7. Copy Translated ola from His Highness in answer to the first-mentioned ola, written and received here on the 1st instant. 8. Report from the junior merchant and pay bookkeeper David Hendrik Westphal and bookkeeper Laurens Trogh, dated the last day of February of this year, regarding the reminting of the old fanums. 9. Rough return of what has been traded here on the Coast since 1st March of the past year until the middle of this month. 10. Return of the sold textiles and other merchandise by public auction in the Company's trade warehouse in this city on the 4th instant. No 6. Two Copy Draft olas written by the Honorable aforementioned Commander to the King Zamorin regarding the acts of violence which His Highness's subjects have committed both from the conquest of Daponettij and in the sandy land of Paijenckerij Nairo, as well as concerning other matters, written under the dates 19th June last and 6th instant. No 6. No 11.
Dutch transcription
259 Van Mallabaar Van Mallabaar den 27:' Iulij A„o 1754 van het ongelikkig booval van zijn twee scheepen en barcq van Batavia, dewelke na souratta gingen, 't geen zig na de biste bengten, die ik heb kunnen krijgen, heeft toegedragen op de vol„ „gende wijse, De genoemde boddems zijn gekomen op de hoogte van de haven van Quira, alwaar sij eenige stukken hebben afge„ „scholen, waar door angrea meende, dat hij wierd uijtgedaagt, en sont daar op alle de vaartuijgen, die hij in de haven had„ na buijten, en twee andere goerass quamen ook bij die gelegentheid van buiten en angrea was persenelijk aan boord van een van zijn galwels;, drie groote goeraps en twee galwets klampten een schip aan boord, het welk door een toeval in brand geraakte benevens de goeraps en galwets, welke mede ver„ „brand zijn, het ander schip is ook door eenig toeval Verbrand, na dat het een groote schade aan verscheide Goeraps van den angrea gedaan had en de barcq is genomen: men zegt, dat 'er omtrent 25. Europesen gevangen genomen zijn. den angrea heeft Elf of twaalf hondert koppen verloren en een groot getal van zijn volk is gekwest, dat nog dagelijks met hunne wonden loopt dese tij„ „ding heb ik gehoort van de inwoonders van dit land en veelen onder hen hebben het eijgenste bevestigt: een van onse vaartuigen heeft de hiel van een der goeraps ontmoet en de romp ontrampo„ „neert en verbrand en verscheide Vaartuigen der kooplieden hebben ook de stukken en trocken van de scheeken gesien. Jk geloof dat angrea een genuimen tijd de magt niet zal hebben om weer zo stout en reukeloos te zijn, behalven dat de wapens van Ma„ N„o 1. Origineele mief door den E: E: agtb: heer Commandeur Fredrik Cunes benevens den Raad alhier aan wel gem: haar hoog Edelhedens gesz: onder dato deses. „ 2. Duplicaat Brief de dato 8:' Maart J„o veder nevens dies Register van alle soetanige Papieren als thans over Tuttucorijn en Chormandel na Batavia werden gesonden ge„ „consigneert aan sijn Edelheid Den Hoog Edelen Groot Aagtbaren Heere, Jacob Mossel, Gouverneur Generaal en d' Edele Heeren Raden van Nederlands India- Namentlijk. , „ratta tegens hem ook op mach zijn voor 't overige zig niets verders aanbiedende, Verlange ik na UE: E: agtb: beveelen, want ik ben /:onderstond:/ VE: E: Agtb: gehoorsamen en Hedrigen Dienaar /:was getekent :/ B„s Bourchier /:in margine:/ Jn't Casteel van Bomthaij den 11:' februarij 1754: /Lager:/ voor de translatte in't portugees /:getekend:/ A„s van Vechten secretaris /:Lagerstond:/ Accordeert /:getekent:/ Jacobus Weijn E: g Clerq (: in„ „margine. stond Nagesien getekend:/ J„sb Exspeel. — ratta bijlagen 261 Van Mallabaar Den 21:' Julij A„o 1754 Van Mallabaar Den 21:' Julij A„o 1754 bijlagen besloten in een pacquet mitsg„s een kas met Uwe stellen zoldij papieren daar toegehorende N„o 3. Een geslot: servete brief aan wel gem: haar hoog Edel„ „hedens gosuperscenbeert. „ 4. Vier stux Requesten te weten. 1 Van den Collonel Bernard Mlacraffrij versoek doende om de Emolumenten die hij in gem: Qualiteijt tot Batavia genoten heeft en 't Commando over d' arthillerije te mogen hebben. 1. Van den schipperen Equipagie meester Jacob Harsing om vermeerde„ „ning van Gagie, mitsg„s schippers kost geld en Emolumenten. 1. Van den Eersten Lieutenant der arthillerije Pieter Morijn in sterende mede om Verhoging Van Gagie 1. van den tot de kenne dienst gechangeerde Corporaal Roedolff Schultz: Smee„ „kende om daar in bevestigten met het adsistente kostgeld begaastigt te werden. „ 5. Een bondetje Copia Retolutien van den 2:' maart tot den 6: Courant versien van een register ver„ „deelt onder applicable tituls, „ 7. Copia Transtaat ola van sijn h„t in antwoord op de Eorstegem: ola gesz: en alhier ont„ „vangen 8op p=mo Courant. „ 8. _„o Rapport van den onderkoopman en Zoldij boek„ „houder David Hendrik West¬ „phal en boekhouder Laurens Trogh de dato ulto feriarij deses Jaars, wegens het vermunten der oude fanums „ 9. Ruw Rendement van het gene zedert J=n Maart J„s Ieden tot nedio deser hier ter Custe is ver„ „handelt. „ 10: Rendenen de verogte Lijtaten en ande Coopman schaffpen bij publicque Vendutie in 's Comp:s Nego„ „tie spakhuijs ter deser Htede op den 4: Curant: N„o 6: Twe Copia Concepholas door den E: E: agtb: heer Commandeur voorm: aan den koning Summorijn gesz: over de gewelde„ „nanijen die zijn ho=ts onderdanen so uit Conquest Daponettij als in het zandig land van Paijenc„ „kerij Nairo gepleegt hebben, mitsg„s over andere sakelijkheden meer onder dat is 19: Junij pass„o en 6:' deser ge„ „schreten. No 6. N„o 11. „
English
From Malabar, 27 July 1754 From Malabar, 27 July 1754 No. 11. Short statement of all cash that was to be found both here in town and at the subordinate offices as of mid-month. No. 12. Memorandum showing what quantity of [illegible] was on hand as just mentioned, and of what quality it is, under the date aforementioned. No. 13. List of the remaining goods stored in the warehouses, indicating the time when they were received here, dated as above. No. 14. Short statement of the principal provisions which remained on balance in the Company's dispensary under the date aforementioned. No. 15. Copy of a letter written by the aforementioned Honorable Commander and the Council here to the English Commander George Scott and the Council at Anjengo, concerning the detention of the vessels of the Company's subjects sailing with their Honors' passes and flags, and the forcing them to take their passes, etc., dated 18 June past. No. 16. Copy of a letter written by the said Commander in answer, dated 22nd of the said month. No. 17. Ditto to the same by the Honorable Commander alone, dated 28th thereafter. Cochin, 27 July 1754 signed: Anthonij van Vechten, Secretary Batavia No. 10. Copy of a letter written by the aforementioned Commander and his Council to the Honorable Commander and Council here, containing the answer to that of 18 June last, dated 11 current. No. 19. Balance sheet of the diaconate funds dated the last of December last year, with a specific demonstration of its expenditures and revenues; as well as how much the same has fallen into arrears in one round year. No. 20. Copy of the translated contract for 300 candils or 150,000 pounds of pepper, concluded by the Cannanore Chief Weyerman with the Moorish regent Adiragia under the date of 13 June past. No. 18. From Malabar, 27 July 1754 From Malabar, under date 27 July 1754. is well received. dispatched. extensive citation. the previous letters are in his regard filled with proofs of his ill-disposition. has frequently been earnestly complained about. kings and princes are described in the separate letters. Batavia To His Excellency, the Most Honorable and Gallant Jacob Mossel Governor-General; and the Noble Gentlemen Councillors of the Netherlands Indies! Most Noble, Gallant, Right Honorable, and Sovereign Lords! Our annual General advices having been dispatched to Batavia on 8 March last with the ship Den Admiraal de Ruijter, we hope that the same will have been received long since, and because the Surat ships sailed past without calling at this coast, and no other opportunity presented itself, we now send the duplicate via the coast of Coromandel with this subsequent letter, containing in brief some matters that have occurred since, and which belong to Your High Excellencies' knowledge. The Zamorin does not deserve an extensive mention in this general letter, as well regarding the hostilities committed by his people, as in respect of the means employed by us against them; all the previous letters written from Malabar for some years past contain, regarding this prince, nothing but undeniable proofs of his ill-disposition, and a concatenation of disorders and outrages which the Zamorin Moors and Nairs have committed against our Company, and still continue, although our predecessors and we have often, yet fruitlessly, complained to the king about those injustices in serious language, and have also been forced to counter the same and for the preservation of the Company. The kings and princes of Malabar, who commonly occupy a place in the subsequent letters, Your High Excellencies will find, as far as the most important among them are concerned, presently described in the incoming separate letter, but belong to Your High Excellencies' knowledge. Most the Company's 265
Dutch transcription
263 Van Mallabaar Den 27:' Julij A„o 1754 Van Mallabaar Den 27:' Iulij A„o 1754 N„o 11. korte aanthoning van alle Contanten die onder dato media deser zo hier ter stede als op de subalterne Comptoiren te vinden sijn geweest. „ 12. Memori waar bij aangethoond werd wat Quantiteijt brikk nuit in na mere alseven berustende gewreeft en van wat deugt't selve is onder dato voorm: „ 13. Lijste der Restanten van de Goederen bij de pak„ „huijsen berustende, met aanwijsing van den tijd wanneer deselve alhier ontvangen zijn de dato als Even. „ 14. korte aanthoning van de Voornaamste provisien de„ „welke i 's Comp:s Duspens onder dato Votrm: per restant verbleven zijn. „ 15. Copia Snieff door voorsz: E: E: agtb: heer Commandeur en den Raad alhier aan den Engelschen Commandant George Schotten den Raad tot Ansjenge gesz: over het aan„ „houden der vaartuijgen van 's Comp:s onderba„ „nen die met haar Ed:s passen en vlaggen varen, en het devingen tot het nemen van hare pascen enz: de datis 18:' Junij pass=o „ 16. Copia hief door gem: Command„s manwoordgest: d dato 22:' dergem: maand; „ 17. _„o D„o aan den selven door den E: E: agtb: heer Commandeur alleen gengt de dato 28:' daar aan. Cochim Den 27„' Julij A„o 1754 /:was getekent:/ Anthonij van Vechten secretari:s Batavia N„o 10. Copia brief door meergem: Commandant en sijnen Rade aan den E: agtb: heer Commandeur en raad alhier gesz:, behelsende antwoord op die van 18: Junij J„o Leden, de dato 11: Counant. „ 19. staat Reek: der diaconijs midelen de dato ult„o xber: A„o pass„o met specifice aan„ „thoning van dies uijtgave, in komsten; mitsg„s hoe veel deselve in een vond Jaar ten agteren is geraekt. „ 20. Copia Translaat Contrat van 300. candijlen of 15'0'000 ponden peper door het Cannanoors opper„ „hoofd Weijerman met den moorsen regent adiragia gesloten onder da„ „to 13„' Iunij P„o leeden. N„o 18. Van Mallabaar Den 27„' Julij „o 1754 Van Mallabaar onder Dato 27:' Iulij A„o 1754. wel ontfangen is. „del versonden. broedvoeringe aanhaling. de vorige brieven zijn ten zijnen opsigte vernilt met blijken van desselfs kwaadgesintheid om„ is dik wes emstig daar over gedoleert. „koningen en vorsten zijn bij de aparte brieven beschre„ Batavia Aan zijn Edelheid, Den Hoog Edelen Gestrengen Jacob Mossel Heer Gouverneur Generaal; en D'Edele Heeren Raden van Nederlands India! Hoog Edele, Gestringe, Groot Agtbare, en wijdgebie„ „dende Heeren! men otdate bietendend at „ nse Jaarlijkse Generale advisen op den 8:' Maart J„o leden met het schip Den Admiraal de Ruijter na Batavia afgesonden zijnde, zo willen wij kopen, dat deselve bereeds lange zullen ontfangen zijn, en ts tene ie eoe d wil door het verbij zeijlen van de Couratse schepen sonder dese kust aan te doen, en't geen andere ge„ „legentheid is voorgekomen, zo zenden wij thans het Duplicaat over de kust Cormandel met dit na briefje, behelsende in 't korte eenige zakelijk„ „heden, dewelke zedert zijn voorgevallen, en tot uw Den Cammorijn Verdiemnd den Cannonine diensen nog een breedvoenige aanhaling in dese gemeene, so wel ten belange Van de vijandelijkheden door de zijnen gepliegt, als ten opsigte van de mid„ „delen daar tegens door ons in 't werk gestelt; Alle de vorige brieven, die zedert eenige Jaren herwaards Van mallabaar geschreven „ tind de Comp: zijn, behelschen ten aanzien van desen Vorst niet anders dan vertuigeerde blijken van zijne knade gezintheid, en een aan een schakeling van wan ordres en geweldenarijen, die de sammarijnsche moren en Nairos tegens onse Compagnie gepleegt die nog continueeren, hebben, en nog Continueeren, hoewel onse anteces„ =seurs en wij overdie ongeregtigheden meenigmaal, nog sonder vrugt, bij den koning in een ernstige taal hebben geklaagt, en ook wel genoodzaakt zijn geworden tot tegengang van deselve en tot behoud van De koningen en Vorsten van Mallabaar, die ge, de sakelijkheden tekende „meenlijk in de na brieven een plaats beslaan, zullen „ ven uw Hoog Edelhedens, wat de voornaamste onder hen betreft, thans beschreven vinden, bij d' over„ „komende aparte briev, dog Hoog Edelhedens kennisse gehoren. Hoog 's Comp:s 265
English
From Malabar, the 27th of July, in the year 1754. Even more so when the commando had returned back from Paponetty, two of his nephews were seized and carried off captive. They fell upon Madilagam to carry them away. The reason for this deed: we are obliged to send a commando. Four of these vagabonds were captured, and two shot dead. Orders were given to the officers to shoot those highwaymen through the head upon catching them. The Zamorin desires to dispute the Company's particular privileges and properties. To command soldiers to the Conquest has gained us nothing other than that those of the Zamorin's land have plagued, ruined, and harassed the Company's subjects even worse as soon as our people had returned from Paponetty to their garrison. For in the past month of June, over two hundred armed Moors as well as Nairs fell upon the village of Eddatoertij, broke open the houses of our head farmer and his uncle by force, plundered all the goods, and seized two nephews of the farmer and carried them off with violence. Following this, they came to position themselves in the Moorish temple at the bazaar of Madilagam, where the Company's overseer resides, in order to tear the farmer himself, who had fled thither, from the hands of the overseer and carry him away. And this for no other reason or cause than to extort money unlawfully from these people, because they possess somewhat more than others, and even to force them to pay certain annual dues to the Zamorin. Which intolerable actions have therefore again obliged us to detach a military commando of 78 Europeans and 128 Easterners to the Conquest, with positive orders to the officers not only to drive these highwaymen—so called by us because the Zamorin refused to acknowledge anything of it—out of the Conquest, but also to pursue them and, upon overtaking them, to shoot them through the head or take them prisoner, and subsequently to destroy all the dwellings and goods belonging to the ringleaders of this rabble. Since experience has taught that the commandos accomplish nothing unless decisive action is taken and it is effectively shown that we are in earnest about maintaining the Company's rights and property, which through further tolerance would surely be lost and then not easily restored. In accordance with which order, four of these vagabonds were also taken prisoner, and two others, who defended themselves and intended to take to their heels, were shot through the head. Meanwhile, the remaining Moors and Nairs who had posted themselves in the Moorish temple at the bazaar of Madilagam took flight to the land of Payencherij Nair. Whereupon, it being taken into consideration that the land of Payencherij Nair, according to the 23rd article of the contract with the Zamorin,
Dutch transcription
Van Mallabaar Den 27:' Julij A„o 1754 Van Mallabaar Den 27:' Julij A„o 1754 nog meer wanneer 't Commande„ weder uit raspone wij te nug gekeert was. twve van zyjn neven opgevaten gevankelijk wiggevoert. viel de madilagam. wegte voeren. reden van dit bedrijf zijn verpligt om een Commando Vier van dese Vagabonden worden gevangenen twe doodgescho„ ordres aan de officiersom die HuikrNets bij agterha„ „ling voor de hor te scheten„ den Sammorijn wildaar 's Comp:s sereticuile Voorrigten en eigendommen, anc„ „ge-militairen na het Conquest t Commanderen, daar men ook niet anders heeft mede kunnen gewunen, als dat die van den Cammorijn land plagen 's Comp:s ondertanen en onderdanen nog slimmer geruineerten geplaagt hebben, so dra ons volk maar weder uit paponettij na hun guarnisoen was terug gekeert, want in de gepasseerde maand Junij zijn over de twehonderd &o gewapende moren als nairos in het dorp Edda„ „„toertij gevallen, en hebben de huijsen van onsen hoofd pagter en zijn oom met geweld openge„ „stoken, alle de goederen geroofd, en twe neven van den pragter opgevat, en met gemeld weggevoert, waar na zij zig zijn komen posteren in de pisteren zig in de worseten moosse tempel op de bazaar van Madilagam, daar 's Comp:s opziender zijn verblijf houd om den pragter zelv die na derwaards gevlugt omder ragter selvs vandaar was, uit de handen van den opziender te rukken, en weg te voeren, en dat om geen andere redens of oorsaek, als om dese menschen, dewijl ze wat meer als een ander tezetten, op een onregt„ „vaardige wijze geld afteperssen, en zelv te dwin„ „gen om Jaarlijks eenige geregtigheden aan den Cammorijn optebrengen; welke onver„ anwainste detockeren. 4edragelijke gedoentes ons dan ook weder verkligt hebben, om een militair Commando van 78. Eudropesen en 128. Oosterlingen na het Conquest te detacheren, met dese positive ordre aan de officiers om dese struck rovers /: also door ons genoemt, om dat den Sammorijn van niets vaten. nergens van weten wilde :/ niet alleen uit het Conquest te verdrijven, maar ook tevervolgen, en bij agterhaling voor de kop zeschieten, of ge„ „vangen te nemen, en vervolgens op hun op en te destrueeren alle de woningen en goederen de belhamers van dit gespuis toebehorende; nademaal d' ondervinding heeft geleert, dat de Commandos niets uitwerken, zo der niet door getast en metter daad getoont werd, dat het ons emst is, om 's Comp:s regten en eigendom te handhaven, welke bij langere toela„ „ting zekerlijk zouden verloren gaan, en dan nut ligt te verstellen zijn. — Conform welke last ook vier van die vaga„ „bonden gevangen genomen, en twe anderen, die Dig al Vorwerende, he't hazen pad meenden te kiezen, voorde kop geschoten zijn, terwijl d' ovenige moren en nairos, de rest neemt de vlugt na die zig geposteert hadden in de moorse tempel Rijewotenijnato. op de bazaar van Madilagam, na het land van Paijen„ „herij Nairo de Vlugt namen, waarop in verwegingen aan„ „merking genomen zijnde, dat het land van Paijencherij Nairo Volgens het 23: articul van 't Contract met den Janmo„ hebben, „rijn Be H 267. ten.
English
From Malabar, 27 July, anno 1754 From Malabar, 21 July, anno 1754 has through time become a robber's nest. of Chettua. to [illegible] this scum from behind and notify the overseer there shall, upon their return, burn and destroy whatever these to if possible [illegible] the vagabonds [illegible] concluded in the year 1747, belongs entirely under the protection and sovereignty of our Company, and through the malice of the times and other vexatious circumstances has become a hiding place for robbers and other odious people, who not only serve as the greatest plague and oppression to the subjects of Payencherry, but also from time to time invade the Company's conquests, and commit such acts of violence and wantonness, of which the successive letters written to the Netherlands and Batavia are filled to the point of nausea, and further being considered that, if one were to recall the detachment on this expedition, and thus leave the work that was begun half-done, that the evil, far from being cured, would worsen to an even higher degree, or to speak more properly, that as soon as the detachment merely marched back to the garrison, the Moors and Nayars would invade the conquests in greater numbers, and cause a worse devastation with robbery and plundering, we have therefore deemed it necessary to instruct the commanders of the detachment to proceed with their men to the lands of Payencherry Nayar, departing closest towards the side of Chettua, and to greet with the barrels of their muskets, or to take prisoner and send to Cochin, the highway robbers whom they might encounter there and along the way; and that to this end they, as well as the servants of Chettua—between whom and the officers of the detachment, as well as the resident of Panari and the overseer of the conquests, a close correspondence was established—should have spies sent out to see if any of those vagabonds were staying in the land of Payencherry, in order to surprise them from both sides: one with the detachment and the other by detaching 16 to 20 men from that garrison. Furthermore, that those of the detachment, halting at a certain distance from Chettua, should reclaim the two arrested nephews of our renter at Edodatoerty from the Talchenoor of Chevacatty, and on their march back to Paponetty, burn and destroy in passing everything belonging to the vagabonds who so often disturb the conquests; but that before their departure for Paponetty they should send from their detachment 12 Europeans with their non-commissioned officers and 50 easterners with their captain or another capable officer to Chettua, to remain stationed there, so that whenever these highway robbers might again fall upon the conquests to play their former role, and the overseer of Paponetty gives notice thereof to Chettua according to our other instructions, the servants could immediately detach those men to assault that Moorish scum from behind, and once and for all [illegible] them. As under remarks thereupon. 269
Dutch transcription
Van Mallabaar Den 27:' Julij A:o 1754 Van Mallabaar Den 21„' Julij A„:o 1754 is door den tijd een roof„ „rest geworden. van Chettaa. om dit geshruijs van agti„ en den opsiender kennis daar zullen bij haar te dugkomst ver„ „branden en destrieven, al wat dese om des mogelijk de vagebonden „rijn in den Iare 1747. gesloten, ten eenemaal onder de bescherming en opperheerschappije van onse Comp: gehoort, en door de boosheid der tijden en andere facheuse onstan„ „digheden, een schuitplaats geworden is, van roversen andere hatelijke menschen, die niet alleen d'onderdanen Van Paijencherij, tot de grootste plaag en onderdrukking„ verstrekken, maar ook van tijd tot tijd s: Comp„s Conquest invaderen, en zulke geweldenarijen en baldadigheden bedrijven, als waar van de successive brieven na Nederland en Batavia geschreven, tot walgens toe zijn opgevult, en Verder geconsidereerd zijnde, Wanneer men het Commando met dese Expeditie terug niek, en dus het begonnen werk ten halve liet steken, dat als dan het kwaad verre van te gene„ „zen toteen voij hoger graad zoude verslimmeren, of m eigent„ „lijk te spreken, dat sodra het Commando maar weder na het quamisoen terug maroheerde, de moren en nairos in groter getal zouden in het Conquest vallen, en met ro„ „ven en plunderen een stimmer ravagie maken, so hebben wij nodig g'oordeelt de hoofden van het detachement in last te geven om zig met hun Volk te tegeven na strokt nast aan zekart de landen van Paijencherij Nairo, het naaste vertrekken„ „de na de kant van Chettua, en de Htuuikrovers, die zij daar en onderwegen mogten ontmoeten, uit de lopen van hunne snaphanen te begroeten, of gevangen tenemen„ en na Cochim te zanden, en dat zij ten dien einde so wel als de bediendens van Chettua, tusschen dewelke en Fofficiers van 't Commando als mede den resident van Pana„ „rij en den opsiender van 't Conquest een nauwe Correspondentie was opgeregt, zouden moeten laten spioneeren, of zig van beide kanten te rassen. geen van die vagabonden in het land van Paijenche„ „rij ophielden, om De van beide kanten te verrassen; d'eene met het Commando en d'andere door het detache„ „ren van 16. â 20. man zit duen Guarnisoen, Voorts dat zij van het Commando op een zekere distantie van Chettua halte houdende de twe g'arresteerde neven van onsen pagter tot Edodatoertij van den Talchenoor van Chewa„ „cattij, zouden hebben tereclameren, en op hun tenig marsch„ na Paponettij in passant te verbranden en destruuren alles wat nagenden oe beror de vagabonden die het Conquest so ot ontrusten toebe„ „hoort, dag dat zij voor hun vertrek na Paponettij van hun Commando V2. Europesen met hunne onderofficiers en 50. oosterlingen met hun Capitain of Een ander be„ „kwaam officier na Chettua moesten zenden, om aldaar bescheijden te blijven, ten einde wanneer de„ „ze stukrovers weder in het Conquest mogten allen, om hun vorige vol tespeelen, en den opsiender van Paponettij daar van, volgens onse andere kennisse wan van geft.d te geven na Chettua, de bediendens immediaat die manschappen zouden kunnen detacheren, om dat moors gespuis van agteren te bespringen, en eens van dege „ van te beringen. als onder aanmerkingen daar over. 269