Inventory 2863
Surat / Persia · 452 pages · 316 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
277. From Surat, dated 25th April Anno 1755. From Surat, dated 25th April Anno 1755. were still in existence on the Company's behalf, would accrue to his benefit; whereupon it was considered that the aforementioned remnants together do not amount to more than ro/a 14043 3/16 or ƒ21065: 9: and that the same mainly consist of a good quantity of lime, which has spoiled and become unusable through lying around for a long time, some timber and tools, etc., the greatest part of which would have to be written off as worthless, and it was approved to grant him this: he being ordered from that moment on to make preparations by procuring lime and stone, and whatever else is necessary to be able to set to work with vigor as soon as he should be further instructed to do so; and whereas the aforementioned Modi requested that he might be enabled to do so, and to enter into the necessary contracts, by an advance from the Company's treasury of ro/a 50,000:- or ƒ75,000:—, this too was granted and he was once again urged to employ all possible diligence, both to be ready when it should be time to begin the work, and to proceed with it with all speed once it had been started, which he promised to fulfill. After that, being asked if the work were to proceed towards the end of this month or at the beginning of the coming month, how much time he estimated he could get it done in, he answered that he hoped, barring all unforeseen accidents, to have everything completed within the span of 9 months, and thus in October next, whereupon two members of this council, namely the merchant and Fiscal David Kellij, along with the skipper and Master of Equipage Iohan Warnar Falck, were appointed to keep an eye on the work as overseers, and to take care that everything is made in proper order, they being best able to attend to this as both reside at the wharf. This important matter having been settled thus far, a letter was read from the Cutch-Mandvi residents dated the 19th of the recently passed month of December, in which they report that on the one hand they had not dared to present the resolution regarding the battela to the Raja, for fear that this very conceited prince, imagining that everyone must be at his service in everything, might regard such proposals as a slight to the detriment of the Honorable Company's interests; and that on the other hand they had deemed this no longer necessary because the naval blockade of Mundra had been lifted and the Raja had reconciled with his son, that prince also speaking no more of it, and having shown himself very friendly in the farewell audiences granted to Sanderus, also promising to favor his successor and the Honorable Company's affairs in everything; that subsequently the residents had departed for Mandvi, but that the agent Iaweertjent had remained in Bhuj, having sent his son Ajemaral, who was not authorized to do anything without orders from his father, on account of which they feared that upon the arrival of the vessels this would cause matters to drag on; that the English had not yet returned from Thatta to Mandvi, but that their supercargo and proxy had returned from Bhuj, without it being known what he had accomplished there, everything being kept very secret, and it being only known that the Raja has planned two horses as a gift for the Governor of Bombay; that furthermore all the sugar brought by the British has been sold, but the steel has not yet been disposed of; the aforementioned residents further requesting to be authorized to sell the remnants of the merchandise that are subject to any decay at market price or send them hither, as well as how to behave if Iaweertjent, upon making the transfer, refused to bind himself in writing for the cash balance remaining in his care, also permission to rent another adjacent dwelling for 20 mamudis in addition to their old dwelling, for which they currently had to pay thirteen mamudis, the reasons for which can be seen more extensively in the letter itself; further giving notice that the battela had returned with the returns from Negger, the princes having stated therein that upon receipt of the merchandise my party must also accommodate their place with some of it, which returns were currently lying in the roads because the battela could not be brought into the creek without paying customs duty for the goods, and that the unhindered shipment of the Company's goods at Mundra had also been promised to them; sending for the rest herewith the required certificates to qualify themselves for the receipt of the commission money of the past financial year. Subsequently was also read a translation of a gentile missive written by the agent Iaweertjent to the Director, under date of 20th December, promising that all goods will be speedily shipped upon the arrival of the vessels, and saying regarding the arrival of the English at Mandvi that he had done his best to keep their goods off the shore, but that under favor of a 7½ per cent duty they had unloaded 100 cannassers of powdered sugar and 60 candiis of other merchandise, but had departed with the remaining cargo for Aurangbandar, yet that the Company's goods shall always have preference provided the same are brought in time. All of which having been taken into consideration, and laid on the table alongside the demand for merchandise made by the Mandvi residents under the 31st January, successor
Dutch transcription
277. Van Souratta onder dato 25:e April A:o 1755. Van Souratta onder dato 25:' April A:o 1755. van Comp:s weegen nog in weezen waaren, in zijn voordeel zoude komen; waar op geconsidereert wierd dat gem:e Restanten zamen niet meer bedraagen als ro/a 14043 3/16 of ƒ21065: 9: en dat deselve voornamentlijk bestaan in een goede quantiteit kalk, die door het lang leggen bedorven en onbruijkbaar geworden is, eenige Houtwerken en gereedschappen &:a die door 't grootste gedeelte tot als ondeugend zouden moeten afgesz: worden, en goedgevonden hem zulx te accordeeren: wordende hij gelast van dat moment af aan toestel te maaken door het besorgen van kalk en steen, en wat verder nodig is om de handen met kragt aan't werk te kunnen slaan zoo dra hem zulx nader zou geordonneerd worden en vermits gem:e Moedij versogt dat men hem daar toe, en tot het aangaan der noodige Con„ tracten in staad wilde stellen door eene vooruijtverstrecking uijt sComp:s Cassa van ro/a 50'000:- of ƒ75000:— zo wierd ook zulx toegestaan en hem nogmaals gerecommandeerd alle mogelijken diligentien aan te wen„ „den, zoo wel om gereed te zijn wanneer het tijd zou weesen werk te begin„ „nen, als om het zelve met alle spoed voort tezetten als men eens zou be„ gonnen hebben 't welk hij beloofde te zullen nakomen. Daar na gevraagd zijnde indien het werk teegens het einsden van deeze of in 't begin der aanstaande maand voortgang had hoe veel tijd hij giste daar meede te kunnen gedaan krijgen 5 antwoorde hij dat hij hoopte, buijten alle onvoor„ zienen toevallen, in de tijd van 9 maanden, en dus in october aanstaande, alles g'absolveerd te hebben, wordende vervolgens twee Leeden deezer vergade„ ring namentlijk de koopman, en Fiscaal David Kellij benevens den schipper en Equipagiemeester Iohan warnar Falck, benoemd, om als opzigters het oog over 't werk te laate gaan, en zorge te draagen dat alles in behoor„ lijke ordre gemaakt worden kunnende zij daar toe best vaceeren, als beiden op de werff woonende Dit gewigtig. articul dus verre gereguleerd zijnde, wierd geleesen een schrij„ ven der ketsmanduischen Residenten gedateerd den 19:e der Jongst gepasseer„ „de maand December waar bij zij melden dat zij het besluijt wegens de Battila eensdeels den Raadja niet hadden durven, voordragen, uijt veesen dat die zeer verwaande vorst, zig verbeeldende dat men hem in alles ten dienste moet staan dier gelijken proppositien als een klein agting mogt aansien tot nadeel van sEComp:s belangen en dat zij zulx ten tweede niet meer nodig geagt hadden, om dat de blokquering van mondera te water opgebrooken ende Raadja met zijn soon versond was, spreekende dien vorst daar ook niet meer van, en hebbende zig seer vriendelijk betoond in de afscheids audientien aan sanderus verleent, ook beloofd zijn vervanger en sEComp:s affaires alles te zullen favoriseeren; Dat vervolgens de Resi„ denten naar mandei waaren vertrocken, dog dat de zaakbesorger Iaweertjent te Boets was gebleeven hebbende zijn zoon Ajemaral gesonden, die buijten ordre van zijn vaader niets vermogt te doen, weshalven zij vreesden dat bij de komst der vaartuijgen zulks de zaaken zou doen Traineeren; Dat de Engelsen nog niet weder van Tetta te Mandui geretourneerd waaren, maar dat hun Carga en vol„ magt van Bets te rug gekomen was; zonder dat men kon weeten wat dat hij daar heeft uijtgevoerd, wordende alles zeer gehein gehouden, en zijnde alleenlijk bekend, dat de Raadja twee Paarden tot geschenk voor den Gouverneur van Bombaij geprojecteerd heeft zynde voorts al de suyker door de Britten aangebragt verkogt, dog het staal als nog niet van de hand geset; versoekende gem:e Residenten wijders gequalificeerd te moogen worden om de restanten der koop„ „manschappen die eenig bederff onderheedig zijn marks prijs te moogen ver„ koopen of herwaards zenden mitsg:s hoedanig zig te gedraagen indien zaweert„ „jent bij 't doen van Transport, weigerde zig voor 't restant der Cassa als onder hem berustende, schriftelijk te verbinden ook licentien om neevens hunnen oude wooning, voor dewelke zij thans derthien mamoedjes moesten betaalen nog een naast aangeleegen voor 20 Mamoedjes inhuur te moogen neemen waar van de reedenen, breeder bij de brief zelve kunnen gesien werden; geevende verder kennis dat de Battila met de retouren van Negger was geretourneerd, hebbende de vorsten daarbij laaten zeggen, dat mijn bij ontfangst der koopmansz: haare plaats meede daar van moest gerieven, welke retouren thans op de rheede lagen om dat men de Battila niet in de spruijt kon laaten koomen zonder Tol voor de goederen te betaalen, en dat hen de onbelemmerde afscheep van 'sComp:s goederen op Mondera meede beloofd was; zendende voor 't overige hier neevens over, de gerequireerde Certificatien om zig tot den ontfangst der Provisie peren„ „ningen van't voorleeden Boekjaar te qualificeeren. vervolgens las men ook een Translaat Heidense missiven door den zaak„ bezorger Iaweertjent aan den Heer Directeur gesr: sub dato 20:e Decemb: beloovende dat alle goederen bij de komst der vaartuijgen spoedig zullen afgescheept worden en seggende omtrend de komst der Engelse op mandui zijn best gedaan te hebben om hunne goederen van de wal te houden, maar dat zij onder faveur van 7½ p:r C:t tol, 100 Cannassers Poeder suijker, en 60: Candijlen andere koopmansz: hadden ontscheept, dog met de overige La„ ding naar orang bander waaren vertrocken, zullende egter sComp:s goederen altoos de preferentien hebben mits deselve tijding aangebragt worden. — al 't welk in overweeging genomen en daar bij op de Tafel gelegd zijnde de Eysch van koopmansz: door de manduischen residenten gedaan onder den 31:e Jann:r vervanger v H - e d E van
English
279 From Souratta under date 25 April Anno 1755. From Souratta under date 25 April Anno 1755: Honorable, Respected, Right Governing Lord 1000 [illegible] : offered, the following may be provided; namely 1 ream of cartridge paper 100 lbs of nails 100 lbs of [illegible] 2 pieces of coir hawsers. — of last year, on which nothing was fulfilled on account of the unrest that arose there, it was thus resolved to profit as far as possible from the restored peace in that realm, and to that end to dispatch thither promptly the ship Bloemendaal, alongside the hooker De Jonge Iacob and the smalschip Batavia, with as much of the requisitioned merchandise as is on hand or can be spared, and also to double the requisition of spices, since none have been sent thither in a full year and one is abundantly supplied with them here; and since it is assumed that all the returns lying there cannot be laden into the said vessels, and the Honorable Company's covered lighters cannot be spared here at present, as they are absolutely needed not only for discharging the ships momentarily expected, but also for fetching the further returns from Brootchia, it was likewise approved to charter two large private lighters and send them immediately to Mandui, both to serve there for loading and discharging and for the transport of the returns; considering also the weakness of the crew of the ship Bloemendaal, and that it must absolutely be reinforced with 50 Moorish mariners for the voyage to Mocha, it was approved to enlist at once the greater half of that number, or 30 men, to join the voyage to Mandui, and also to man the hooker De Jonge Iacob, which could not yet be provided with a sufficient number of European sailors, as far as possible and supply it with all necessities, and to reinforce both, as well as the smalschip, with as many military men from this garrison as can possibly be spared, in order to enable them to offer resistance in case of any encounters; furthermore, to hand over to Captain Marchis a copy of the report made in Anno 1752 by the Master Attendant Willem Servies regarding the condition of the Mandui roadstead, and moreover, for lack of an accurate chart upon which one may rely, to assign to him the second mate Arij Fransz, stationed in this Directorate, who knows the said roadstead very well, having already been there several times; also to instruct the said Captain by his instructions to make all possible haste to return here in time for making the projected voyage to Mocha, bringing along the junior merchant Sanderus if he has transferred his duties to his successor; furthermore, to load the cotton yarns, linens, and other goods into the hooker De Jonge Jacob, but the kapok, as far as practicable, into Bloemendaal as best suited for large volumes, and the remainder into the smalschip and the lighters, under earnest recommendations to make the required observations with all exactitude both on the outward and return voyage as well as during his stay at the Mandui roadstead, for the improvement and completion of the defective sketch map given to him. In order also to better stimulate the zeal and diligence of the Residents in dispatching the vessels, it was resolved to reply to them that the vessels must without fail be discharged and laden within the space of 10 days, and that the Captain has orders to turn the prow back toward Souratta after that period, leaving it however to the discretion of the said Captain in his instructions to stay as much longer as he shall see fit according to the circumstances; the further contents of the aforesaid letters being considered communicated, and the monthly house rent approved at 33 Mamudis, making rupees 11 or ƒ 16:10; but regarding the sugar, it was resolved to grant the request of the brokers, who proposed to send a parcel of that sweetness thither for their account, provided it is reported to the ministers in the letter as the Company's sugar, to which the Council consented all the more readily because, since the Honorable Company currently has no sugar of its own here, this measure was nevertheless deemed suitable to deprive our competitors, who bought up the sugar from the bark Jacatra and have already transported a portion of it to Mandui, of the desire to bring more thither, as they are reportedly intending to do; all the more so since the gifts sent by the English to the Raja and the counter-presents destined for the Governor of Bombay sufficiently show that they seek to undermine the trade of the Honorable Company in that realm. Furthermore, it was approved on this occasion to fulfill as far as possible the small requisition of medicaments sent over in last November, as well as to send off the necessary writing materials and ration liquors for that factory. — To conclude these matters, there was also read a requisition of necessities for the vessel Bloemendaal, submitted by Sea Captain Willem Marchis with reference to the Mandui voyage, which it was resolved to have fulfilled for him and to insert this brief document here. To the Honorable, Respected Lord Iohan de Roth, Director of this Directorate. The undersigned Captain of the Honorable Company's ship Bloemendaal, currently lying at the roadstead, kindly requests that, being in the utmost need thereof for the service of the voyage, there may be provided to him In
Dutch transcription
279 Van Souratta onder dato 25: april A:o 1755. Van Souratta onder dato 25:e April A:o 1755: E: E: Agtb: welgebiedende Heer 1000 borvangen : boden, het ondervolgende mag versderekt werden; als 1: „ rien Cardoes Papier 100: „d spijkers 100:„ 2: p:s paijer trossen. — van 't voorleeden Jaar waar op weegens de aldaar gereesene onlusten niets is voldaan zoo wierd beslooten van de herstelde rust in dat rijk na mooge„ lykheid te profiteeren, en te dien einden het schip Bloemendaal neevens den Hoeker de Jonge Iacob, en het smalschip Batavia met zo veel van de g'eyschten koopmanschappen als er aan handen is, of zal kunnen gemist werden spoedig derwaarts te doen vertrecken ook den Eysch der specerijen te verdubbelen aangesien er in een rond Jaar geene derwaarts zijn gesonden en men hier daar van overvloedig voorsien is en dewijl men voor ondersteld dat alle de aldaar leggende retouren niet in gemelde vaartuijgen zullen kunnen afgeladen en sEComp:s overdekte Horrijs hier thans niet kunnen ge„ mist wordende hebbende men deselven volstrekt nodig, niet alleen tot de ontlos„ „sing der momentelyk verwagt wordende scheepen, maar ook tot den afhaal der nadere retouren van Brootchia zoo wierd teffens goedgevonden twee groote par„ ticulieren slorrijs in huur te neemen, en reede naar mandui te senden zo wel om aldaar tot het lossen en laaden als tot het Transport der Retouren te dienen; gelet ook op de zwakheid der Equipagien van 't schip Bloemendaal en dat dezelve absoluit met 50 Moorse zeevarende voor de reizen naar mocha zal moeten versterkt worden zoo wierd goedgevonden de groote helfte van dat getal of 30. man, ten eersten in dienst te neemen om de sogt naar mandur meede te doen ook den Hoeker de Jonge Iacob, die men nog niet met geen genoegsaam getal Europeesen Matroosen heeft kunnen besetten, na mogelijkheid te bemannen en van al 't nodige te voorsien, en beiden zo wel als het smalschip met zoo veel militairen uijt dit guarnisoen te versterken als er immer zullen kunnen gemist worden, ten einden deselve dus in staad te stellen, om in cas van eenige rencontren, het Hoofd te kunnen bieden voorts aan den Cap:n marchis ter hand te stellen Copij van 't rapport in A:o 1752 gedaan door den Equipagiemeester Willem Servies aangaande de gesteldheid der manduischen rheede, en daar en booven, bij gebrek van eene exacte kaart waar op men mag vertrouwen hem toe te voegen den in deese Directien bescheiden onderstuurman Arij Fransz: de gem:e, Rheede seer wel kend, zijnde reeds verscheiden maalen aldaar geweest ook gem:e Cap:n bij instructien te gelasten alle moogelijken spoed te maaken, om tijdig tot het doen der geprojecteerde sogt naar mocha weederom hier te zijn meede brengende den onderkoopman Sanderus bij aldien deselven Transport aan zijn vervanger heeft gedaan voorts de Cattoene gaarens Lijwaaten en andere goederen in den Hoeker de Ionge Jacob, maar de Capok, voor zo veel doenlijk is, in Bloemendaal als best bequaam tot groote volumes, en de restand in het smalschip en de Horrijs afte laaden, onder ernstige recommandatien, zo wel op de Heen als weederom reise ook geduurende zijn verblijf ter manduische rheede met alle exacti„ „tude de verEijschten observantien te maaken tot verbeetering en Completteering van het hem meede gegeeven deftucus kaartje. Om ook den ijver en de diligentie der Residenten in het depecheeren der vaar„ tuijgen beeter op te makken, wierd verstaan aan deselve te rescribeeren dat de vaartuijgen zonder manquement in de tijd van 10 daagen zullen moeten gelost en gelaaden zijn en dat de Capitain ordre heeft na verloop van dien de steevene weder naar souratta te wenden, zullende men egter aan gem:e Cap:n bij zijne Instructien gedefereerd laaten, zoo veel langer te blijven als hij na de omstandigheeden zal goedvinden; wordende de verdere inhoud van voorsz: Brieven voor gecommuniceerd gehouden ende maandelijkse Huijs„ huur tot 33: Mamoedjes maakende ro/a 11: of ƒ 16:10: gepasseerd maar ten opsigten van de suyker beslooten het versoek der makelaars te accordee„ „ren dewelke geproponeerd hebben een Partij van die zaetigheid voor haare reekening derwaarts te zenden, mits aan de Ministers bij de brief als Comp:s suyker opgegeeven wordende, waar toe de Raad zig zoo veel te gewilliger liet vinden om dat de EComp:e thans geen eigen suijker hier hebbende dit middel egter bequaam g'oordeeld wierdt om onze Competiteuren, die de suijker van de Barcq Jacatra hebben ingekogt, en daar van reeds een gedeelte naar mandui vervoerd, de lust te beneemen om meer derwaarts te brengen, gelijk zij volgens berigten, van voorneemen zijn te doen; te meer, aangezien de geschenken door de Engelsen aan den Raadja gezonden, en de Contrapre„ „senten voor den Gouverneur van Bombaij gedestineerd genoegzaam doen blyken dat zij den Handel van dEComp:e in dat rijk zoeken te onderkruijpen Verder wierd goedgevonden te deezer occasien ook het in Novemb: Jongstl: overgezondene Eijschjen van medicamenten na mogelijkheid te voldoen, mits„ gaders de noodige schrijfgereedschappen en Rantsoen= Ddranken voor dat Comptoir aftezenden. — werdende tot besluijt van deeze Materien nog geleezen een Eysch van Benodigtheeden voor den Bodem Bloemendaal, ingediend door den Cap:n: ter Zee Willem Marchis, met betrecking op de manduischen Togt, die men besloot aan hem te laaten voldoen en het Documentje deese te inserieren. Aan den E: E: Agtb: Heer Iohan de Roth Directeur deeser Directie Den ondergeteekende Cap:n van't thans ter rheede leggende sle Comp:s schip Bloemendaal versoekt beliefdelijk dat aan hem als daaromme ten hoogsten verleegen, zijnde, ten dienste reise Jn
English
281. From Souratta under date 25th April Anno 1755. From Souratta under date 25th April Anno 1755. In hope of a favorable attainment I have the honor to subscribe myself with all high esteem /was written below:/ Honorable, Worshipful, Dominant Sir /lower:/ Your Honorable Worship's... Souratta the 8th January 1755 /was signed:/ Wm Marchies in margin. Thereafter was brought to the council a report from the merchant and warehouse keeper Johan Anthonij Sweers de Landas and the junior merchant and secretary dito Hendrik Ruperti regarding the claims of the absconded warehouse keeper Willem van der Laar to the charge of the estate of the deceased Honorable Company's broker Kissourdas, reading as follows: To the Honorable, Worshipful Sir Johan de Roth, Director of this Directorate. Honorable, Worshipful, Dominant Sir, The undersigned members from the Council of Policy, having understood with very much regret from the aforementioned Council that the examination delivered to Your Honorable Worship and the Council concerning the claims of the absconded broker Kissourdas was entirely insufficient to examine their further accounts, take the liberty to represent to Your Honorable Worship with all due respect that it may very well be that the widow of Kissourdas, because they are ignorant of the language and especially cannot read heathen script, has stated what suited her best and thus misled them without their fault, since they have been obliged to accept what other natives, whom they had to employ for the inspection of the books and accounts, have stated and assured to be the pure truth, very likely out of sympathy for their own countrymen and co-religionists or possibly through persuasion of the aforementioned widow and her friends. In order, then, not to fall again into the same inconvenience, but to discover the fraud, if it lies concealed beneath it, as far as possible, the undersigned find themselves obliged to request Your Honorable Worship to please assign to them, for the revision of the aforesaid books, one or two trusted natives of whose upright conduct and report in that regard one can be persuaded, not doubting in the least that this will be the best and surest means to get at the truth, and put them in a state to unfold the matter accurately in their further report to be made, wherein according to obligation they shall not fail to comply; and expecting that this their reasonable request will be favorably granted, they have the honor to remain with deep respect /was written below:/ Honorable, Worshipful, Dominant Sir /lower:/ Your Honorable Worship's very obedient and dutiful servants /was signed:/ Jn Ar Sweers de Landas and Otto Hendrik Ruperti /in margin/ Souratta the 30th November Anno 1754. Which request was found reasonable and consequently it was agreed to assign to them the native warehouse writer Cassiram along with the Honorable Company's Persian writer Narrengien, both being Company servants and consequently, although both are Banians, free of suspicion of collusion with the widow of Kissourdas, to examine jointly the books of the aforementioned deceased broker exactly in so far as they relate to the aforesaid claims, and to report their findings faithfully, to the end that the above-mentioned commissioners can form a true report in writing thereof. Finally the Director communicated that the gathering of the cloths was proceeding according to wish and that a good parcel upon the new requisition had already been provided by the Honorable Company's suppliers and, as all the members knew, was bazared; wherefore also the aforementioned suppliers had made a request for a new advance of ro/a 100,000:- or ƒ150,000, which was unanimously granted to them in order to be able to continue the work all the better. However, since the space that is had here to store the aforementioned returns is so small that one finds oneself obliged, when the warehouses destined for that purpose are full, to leave the remaining goods in the custody of the suppliers because one cannot accept them and have them packed up until shortly before the departure of the ships, whereby it can sometimes happen that, the prices of the linens rising, or the suppliers finding merchants who wish to give more for them than the rate at which they were contracted by the Honorable Company, the cloths that were made for the same fall into other hands; it was thus taken into consideration whether it would not be advantageous for the Honorable Company to rent another one or two warehouses, to store the goods therein as they are manufactured, and to leave nothing of what is acceptable with the suppliers; and it was approved with unanimous votes to effect this, as one will thereby at least prevent the aforesaid underhand trade and hinder that no goods of the Honorable Company's assortments, which serve to complete the requisition, are sold to strangers to the great prejudice of the collection /was written below:/ Thus done and resolved in the Dutch Trading Post Souratta, on the day, month and year aforesaid /was signed:/ Jn de Roth, Jn Drabbe, Jn An Sweers de Landas, D: Kellij, Jn Wt Falck, Otto Hendrik Ruperti, and Rs van Ebbenhorst. Friday the 10th January 1755. All present. The ship De Drie Papegaijen, destined from Gamron to Batavia, having arrived on the 8th of this month at the Sourat roads and the Captain Bastiaan Verdoes having arrived upriver yesterday, and having delivered to the Director a packet from the Gamron Resident, the Senior Merchant Jacob van Schoonderwoert, the same was opened in the meeting and the papers found to agree with the register annexed thereto; after which the letter dated the 20th December 1754 was read, containing that he, by order of their High Mightinesses, was sending a parcel of copper to be delivered here in passing, and on that occasion also some other merchandise specified at the end, which, being able to be sold with moderate small profits, would greatly facilitate the trade at Gamron
Dutch transcription
281. Van Souratta onder dato 25:e April A:o 1755. Van Souratta onder dato 25:e April A:o 1755. Inhoope van een gunstige erlanging heb ik de Eer mij miet alle hoogagting te onderschrijven /onderstond:/ E: E: Agtb: welgebiedende Heer /lager:/ Uw E:E: Agtb: „gide Somatta den 8:e Ianuarij 175: ar /:was geteekend:/ w:m Marchies (in mar„ Daar na wierd ter bectuuren gebragt een Rapport van den koopman en Pakhuijsmeester Iohan Anthonij Sweers de sandas en den on„ der koopman en secretaris d=to Hend:k Ruperti raakende de pre„ tensien van den g'aufugeerden pakhuijsmeester Willem van der Laar ten lasten van den boedel van den overleeden 'sEComp:s maakelaar kissourdas, luydende als volgt Aan den E: E: Agtb: Heer Iohan de Roth Directeur deeser Directie E F E: E: Agtb: welgebiedende Heer De ondergeteekende Leeden uyt den Raad van Politie met zeer veel leedweezen den Raad gesz: verstaan hebbende Alt het onder zooe an e:' knastl: aan uwwE: E: agtb: en nopens de pretensie van de g overuigeerden Makelaar kissourdas gants niet voldoende hmt tees haaren nadi recken se examineeien neemen de wijkend uwe E: E: agtb: met alle verschuldigde eerbied te representeeren, dan het zeer wel kan zijn dat de weduwe van Kissourdas haar lieden als de taal onkundig, en voor al geen heidens schrift kunnende leezen heeft opgegeeven wat best in haare kraam te pas kwam en hen dus buijten hunne schuld misleid dewijl zij genoodsaakt zijn geweest aan te nee„ men 't geen andere inlanders die zij tot het nazien der boeken en reekeningen hebben moeten gebruijken, veel ligt uijt zugt voor hunnen eijgenen land en geloofs genooten of mogelijk door Persuasie van gem:e weduwe en haare vrienden hebben opgegeeven en verseekerd de zuijvere waarheid te zijn. om dan niet weeder in het zelve inconvenient te vervallen, maar het be„ „drog, indien het daar onderschuijt des mogelyk te ontdecken, vinden de onderget:e zig genoodsaakt uwe E:E: agtb: te versoeken, hen tot het revideeren der voorsz: boe„ ken te willen toevoegen hen of twee vertrouwde inlanders van welker opregte behau„ deling en opgave daaromtrend, men kan gepersuadeerd weezen geenzints twijffelen„ „de of dit zal het beste en zeekerste middel zijn om agter de waarheid te koo„ men, en hem in staad stellen om de saak in hun te doen nader Rapport nauwkeu„ rig te ontvouwen, waar toe zij na gehoudenis niet zullen in gebreeken blijven toe te en hebbende zij in verwagting dat dit hun reedelijk versoek gunstig zal g'ar„ cordeerd worden de Eere met diepontsag te blyven /:onderstond:/ E: E: Agtb: welge„ biedende Heer /lager:/ uwer E: E: Agtb: zeer gehoorsaame en trouwschuldige Die„ „naren /:was geteekend:/ J:n A:r sweers de Landas en o:t Hend:k Ruperti :/ in mar„ ginen / souratta den 30:e november A:o 1754. welk versoek billijk bevonden en dienvolgens verstaan wierdt hen toe te voegen den inlandsen Pakhuys schrijver Cassiram neevens sEComp:s Persiaans schrijver Narrengien zijnde beide Comp: dienaaren en dienvol„ gens alhoewel beiden Benjaanen buijten suspicien van collusien met de weduwe van Kissourdas om gezamentlyk de Boeken van gem:e over„ leeden Makelaar exact te revideeren voor zo verre die relatie hebben tot de voorsz: pretensien en hun bevinden getrouwelijk op te geeven, ten einde de boovengen: gecommitteerdens daar van kunnen formeeren een waaragtig Rapport in scriptis. Eindelijk Communiceerden de Heer Directeur dat de Jnsaam der Doeken, na wensch voortging en dat 'er reeds een goede Partij op den nieuwen Eijsch door 'sEComp:s Leveranciers besorgd en zoo als alle de Leeden, wisten, gebazaard was weshalven ook gem:e Leveranciers versoek had„ den gedaan om een nieuwe vooruijtverstrekking van ro/a 100'000:- of ƒ150000 die haar unaniem wierdt geaccordeerd om het werk des te beeter te kunnen voortzetten.— Maar aangesien die plaats die men hier heeft om gem:e retouren te bergen, zoo klein dat men zig genoodsaakt vindt wanneer de Pakhuijsen daar toe gedestineerd vervuld zijn, de overige goederen onder de bewaaring der Leveran„ ciers te laaten omdat men ze niet als kort voor 't vertrek der scheepen kan accepteeren en doen afpakken waar door het zomtijds kan gebeuren dat de prijsen der lijwaaten rijzenden, of de Leveranciers kooplieden aantreffende die daar voor meer willen geeven als waar voor ze bij de EComp:e aanbesteed zijn de Doeken die voor deselve aangemaakt waaren in andere houden komen te ver„ vallen; zo wierd in bedenten gegeeven of het niet voordeelig voor de EComp:e zou weesen nog een a twee Pakhuijsen te huuren, om de goederen, na mate dat deselve aangemaakt worden daar in te bergen, en niets van 't geen acceptabel is onder de Leveranciers te laaten 5 en met Consonante stemmen goedgevonden zulx te effectueeren, zullende men daar door ten minste de voorsz: morshandel prevenieeren en beletten dat geene goederen van d EComp:e sorteeringen en die tot Completteering van den Eijsch dienen, tot groote prejudicie van den Insaam, aan vreemden verkogt worden, /:on„ derstond:/ Aldus gedaan en g'arresteerd in't Nederlands Comptoir Souratta ten Dage maand en Iaare voormeld /was get:/ J:n de Roth, J:n Drabbe, I:n A:n Sweers de Sandas, D: Kellij J:n W„t Falck, O:to Hend:k Ruperti, en R:s van Ebbenhorst. — Vrijdag den 10:e Januarij 1755. alle praesent Het schip de Drie Papegaijen van Gamron naar Batavia gedestineerd den 8:e deezer ter souratse rheede en de Cap:n Bastiaan verdoes gisteren booven g'arriveerd zijnde, en aan den Heer Directeur een Pacquet van den Gamrons Resident den oppercoopman Iacob van Schoon„ derwoert behandigt hebbende, zo wierdt het zelve in vergadering geopend en de Papieren met het daar bij gevoegd register accordeerende bevonden; waar na de brief gedateerd den 20:e xber 1754 geleezen wierdt behelsende dat hij op ordre van haare Hoog Ed:s eene partij kooper zondtom hier en Passant afte geeven te worden en te dier occasie ook nog eenige andere aan't einden gespecificeerde koopmansz: dewelke met matigen voordeeltjes kunnende verkogt worden, de Negocie te Gamron veel zouden facilit
English
Gentlemen Members 283. From Souratta under date 25th April Anno 1755. From Souratta under date 25th April Anno 1755. being compelled there, on account of the great lack of money, to accept goods in exchange and to cause the correspondence to continue for the benefit of the Honourable Company, which one would otherwise have to abandon: the said Resident transmitting alongside this a bill of exchange amounting to rupees 30,000 or ƒ45,000, payable at one month after sight to the debit of two wealthy Armenian women who came hither on the Drie Papegaijen, to whom he had advanced that sum under the surety of two wealthy Armenians who likewise came over, of which the deed and the translation were likewise attached; he having no doubt of the payment, and requesting passage for them to Cochim or Cormandel, but in default of payment, that one should detain them and keep them under observation; the Drie Papegaijen having furthermore also brought two horses, which the said Resident writes were superfluous in the Honourable Company's stable, with the request to sell them quickly for whatever they will fetch. Whereupon, having deliberated, it was understood to cause the goods laden in the aforesaid ship the Drie Papegaijen for this Directorate to be discharged forthwith, but since it would be very dangerous in this season to let a ship depart alone, to detain the said vessel here in order to sail in company with the expected Batavian following ships to the Headquarters; it being noted here in passing that the prices of all sent merchandise, and in particular of the copper, are set excessively high on the invoice. Concerning the bill of exchange, it was found good to have it presented to the holders when they shall have come ashore, and in case of payment, to bring the proceeds to the benefit of the Gamron office; for the rest, in case of non-payment, one cannot arrest or detain the female debtors or their sureties, having no jurisdiction here, nor compel them, unless one were to complain about it to the city regents, in which case the latter commonly make off with the loot and know how to direct matters in such a way that the creditor not only derives nothing from it, but incurs expenses on top of it. And as regards the horses, it was resolved to have them inspected by expert knowledge in the presence of committee members as soon as they shall have been disembarked, and subsequently to dispose thereof further as one shall judge proper according to findings. The Equippage Master, pursuant to the resolution taken in the last session, having provided from the Honourable Company's stores 2 pieces of kedge anchors for the service of Sidie Havis Massoetchan, namely 1 piece of 805 and 1 of 734 lbs, a record thereof was kept here. And since, according to the report of the Warehouse Master and committee members on the occasion of the garbling of a parcel of the recently arrived nutmegs, the same were found infested with an extraordinary quantity of mites, and it is to be feared that this spoilage will spread ever further; it was unanimously found good, in order to prevent this as far as possible, to have an enclosed partition of planks made in one of the spice warehouses, subsequently to have the nuts garbled from the cloves and the infested ones from the good and sound ones, and to have the latter, as is practicable everywhere, laid there in lime until such time as one can deliver the same to the merchant. In order to fill the vacancy of an assistant surgeon at the office in Amed-abaad, the Lord Director proposes to withdraw one Lucas Johannes Paspersz of Breedenvoort, currently serving on the ship Bloemendaal, on the good testimony of his ability, and to send him thither on trial in his present capacity, as well as likewise to provide the hoy the Jonge Jacob with a third surgeon, in case a capable person were to be found on the Drie Papegaijen and can be spared; with which all the members concurred. Since the projected contracting of the Amed-abaad portions in the new demand for cloths could not take place there because of the unexpected departure of the former Chief Marten Huijsvoorn, and there is also not yet another Chief in Amed-abaad, and it is nevertheless necessary to proceed therewith as soon as possible in order not to bring matters to a standstill; the Lord Director gave to know that his Honour had thought it good to have the Honourable Company's brokers and business managers Mitalaal and Telliktjent summoned from there, in order to come to an agreement with them here, the same being expected shortly to undertake the journey hither. Underneath stood: Thus done and resolved in the Dutch Office at Souratta on the day, month and year aforesaid. Was signed: J:n de Roth, J:s Drabbe, J:n Assweers de Landas, D:d Kellij, F:n W:n Falck, O:te Hend:k Ruperti and R:s van Ebbenhorst. Friday the 17th of January 1755. All present. The meeting having begun with prayer according to custom, the Lord Director previously announced to the members that the new Chief of the English Nation, Mr. Ellis, who recently arrived from Bombay, having yesterday taken over the authority of his predecessor Mr. Crommelin, had today sent a Mr. Erskine, acting as secretary, to his Honour, formally to announce both his arrival and his assumption of the presidency.
Dutch transcription
eeren zijnde men aldaar door de groote geldeloosheid genoodsaakt goederen Leeden E - 283. Van Souratta onder dato 25:e April A:o 1755: Van Souratta onder dato 25.:e April A:o 1755. in ruijling te accepteeren en de Correspondentien ten nutte der EComp: doen, Conti„ nueeren, waar van men andersints zou moeten afzien: zendende gem: Resi„ dent daar neevens over een wissel groot r:o/a 30'000: of ƒ45000, te betaalen op een maand nazigt ten lasten van twee rijke armeensche vrouwen met de drie Papegaijen herwaarts gekomen aan dewelke hij die som had verstrekt, onder borgtogt van twee meede overgekomenen gegoede armeinders waar van de Acte en het Translaat insgelyks bijgevoegd waaren; twijffelende hij niet aan de betaalinge, en versoekende voor haar passagie na Cochim of Cormandel maar bij gebrek van voldoe„ ning, dat men haar zou aanhouden en laaten observeeren; hebbende voor 't overige De Drie Papegaijen ook meede gebragt twee Paarden die gem:e Resident schrijft dat op sEComp:s stal te veel waaren met versoek die spoedig te verkoopen voor wat maar gelden willen. — Waar op gedelibereerd zijnde, wiert verstaan de in 't voorsz: schip de Drie Papegaijen voor deese Directie geladene goederen ten eersten te doen lossen maar aangesien het in dit Jaargetij zeer gevaarlyk zou zijn, een schip alleen te laaten vertrekken gem:e Bodem hier aan te houden, om in gezelschap met de verwagt wordende Bataviaschen nascheepen naar de Hoofdplaats te stevenen; wordende hier en passant aangemerkt, dat de prijsen van alle gezondene koopmansz: en insonderheid van het kooper bij de Factuur excessief hoog zijn gesteld- Aangaande de wissel wierd goed gevonden dezelve aan de Houders wanneer die aan de wal zullen gekoomen zijn, te laate presenteeren en in Casvan betaaling, het provenu ten voordeele van 't Comptoir Gam„ „ron te brengen; kunnende men voor 't overige bij non voldoening de schuldenaressen of haare borgen niet arresteeren off vast houden, als geene Iurisdictien hier hebbende, nogte haar Constringeeren, ten zij men daar over bij de stads Regenten koomen te klagen, in welk geval deese gemeenlijk met de buijt gaan strijken, en de zaaken zodanig weeten te dirigeeren dat de Cre„ diteur niet alleen daar niets van trekt, maar nog onkosten daar en booven heeft: En wat de paarden betreft wierd geresolveerd dezelve door experte kennis ter presentie van gecommitteerdens te laaten bezigti„ „gen zo dra zij ontscheept zullen zijn, en vervolgens daar omtrend zodanig nader te disponeeren als men na bevinding zal oordeelen te behooren De Equipagiemeester ingevolge het besluijt in de laaste sessie genoo„ „men ten diensten van sidie Havis Massoetchan uyt 'sEComp:s voorraad ver„ strekt hebbende 2 p:s werp ankers, als 1 p:s van 805:, en 1. van 734 lb:, zo wierd daar van hier aanteekening gehouden En vermits, volgens rapport van den Pakhuijsmeester en gecomm=s ter occasie van het garbuleeren van eene partij der Jongst aangebragte Nooten Muscaat, dezelve met eene Extraord:e quantiteit vermijterde bezet gevon„ den zijn, en te vreesen is dat dit bederff zig hoe langer hoe verder zal uijtbreeden; zo wierd uuamem goedgevonden, om zulks na mogelykheid voor te koomen, een beslooten slok van Planken in een der specerij Pakhuijsen te laate maa„ ken, vervolgens de Nooten uijt de Nagulen en de aangestookene uijt de goede en gaave te laaten garbuleeren, en deese laaste, gelijk over al praeti„ cabel is aldaar in kalk te laaten leggen, tot tyd en wijle men deselven aan den koopman kan uijtleeveren. — Om het gebrek van een ondermeester ten Comptoiren amed=abaad te ver„ vullen proponeerende de Heer gebieder eenen Lucas Iohannes Paspersz: van breedenvoort actueel dienst doende op het schip Bloemendaal op de goede getuijgenis van desselfs begaamheid te ligten, en in zijne presente qualiteit ter preuve derwaarts te zenden, als meede de Hoeker de Ionge Iacob insgelijks van een derde Meester te voorsien, bij aldien er een bequaam subject op de drie Pape„ gaijen te vinden was, en kan gemist worden: waar meede zig alle de Leeden confor Dewijl de geprojecteerde aanbesteeding der Amed-abaadse portien in den nieu„ wen Eijsch van Doeken, weegens het onverwagt vertrek van't geweesenen opper„ hoofd Marten Huijsvoorn, aldaar niet heeft kunnen geschieden zig ook nog geen ander opperhoofd te amed=abaad bevindt en egter noodsakelijk is daar meede hoe eerder hoe beeter voort te gaan, om de saaken niet te doen stilstaan; zoo gaf de Heer Directeur te kennen dat zyne agtb: goed gedagt had sEComp:s Maakelaars en zaakbesorgers Mitalaal en Telliktjent van daar te laaten ontbieden, ten einden met deselve alhier te accordeeren zullende deselve na ge„ „dagten binnen kort de reizen herwaarts aanneemen /onderstond:/ aldus ge„ „daan ende g'arresteerd in't Nederlands Comptoir Souratta ten Dage Maand en Iaare voormeld /was get:/ I:n de Roth, I:s Drabbe; I:n As: sweers de Landas, D:d Kellij, F:n W:n Falck, o:te Hend:k Ruperti Vrijdag den 17 Ianuarij 1755. alle present De vergadering na gewoonte met gebed begonnen zijnde maakte de Heer Directeur voor af aan de Leeden bekend dat de Jongst van Bombaij g'arri„ veerde nieuwe Chef der Engelsche Natie M:r Ellis gisteren het gesag van zijnen voorsaat M:r Crommelin overgenoomen hebbende, heeden eenen M:r Erskinen fungeerende als secret:s bij zyne agtb: had gezonden om beijden zijn arrivement en aarvaardiging van't presidentschap en R:s van Ebbenhorst „meerden. F ter formeel
English
From Surat, dated 25 April, Anno 1755. From Surat, dated 25 April Anno 1755. to formally notify, with the Lord Commander furthermore submitting for consideration whether politeness did not require this civility to be answered with equal politeness. Which sentiment being embraced by all the members, the junior merchant and secretary Otto Hendrik Ruperti was commissioned to proceed tomorrow to the English lodge, and to welcome the said gentleman with a suitable compliment. Thereafter it was noted that the ship Bloemendaal, together with all the vessels destined for Ketsmandui, had set sail thither yesterday, taking along 5429 lb cloves 3525 lb nutmegs 1600 lb cinnamon 5000 lb steel, as well as 237299 lb powdered sugar 39134 lb ditto candy, and 40000 lb sappanwood this last not being stated on the invoice, but Captain Willem Marchies having been verbally ordered to sound out whether one could dispose of it there with some profit, and if found to the contrary, to keep the same on board to serve as dunnage, pursuant to the resolution of the 2nd of this month. Subsequently, the Lord Commander communicated that the Gamron bill of exchange of 30,000 rupees, mentioned in more detail in the resolution of the 10th of this month, having been presented to the female debtor, the validity of that debt was acknowledged by her, under promise of payment, and to that end she would write to her husband's correspondents in Bombay to obtain the necessary funds. Likewise, that the commissioners for the inspection of the horses brought with the three parrots had reported in writing that, according to the unanimous testimony of the natives, they are so poor that they can serve no one but fakirs; which report being read, it was resolved to sell the aforesaid horses as soon as possible by public auction to the highest bidder in order to relieve the Honourable Company of those useless animals, as they are not worth their fodder, much less that one should have to rent a separate stable for them, since there is no room left in the Honourable Company's stable. Having spoken on this occasion of the beverages remaining in the Honourable Company's pantry after the distribution of the usual rations, it was deemed proper to have them sold together with the aforesaid horses, and Tuesday, being the 22nd of this month, was appointed for that purpose; the junior merchants Ruperti and Ebbenhorst were also appointed as commissioners to assist thereat. This being done, a letter from Brootchia dated the 9th of this month was read, whereby the factors there give notice that the city governor Gertallebchan, after an illness of about a month, passed away that day, and his minor son Mirza Hosseijn Alij, under the supervision of the deputy Hazem Reza, had succeeded in his place, with a request to be permitted to go and compliment him; adding thereto a specification amounting to 96 rupees or 144 guilders of expenses which they say had to be incurred on the first visit of the new chief, and on the occasion of the merchant Marten Huijsvoor, coming from Ahmedabad, who passed through there and at the same time paid a visit to the Moorish and communal regents, requesting approval thereof for booking, as well as, in the name of the broker Goordendas, a further relief of 20,000 rupees or 38,000 guilders for the continuation of the collection. Whereupon the Lord Director declared that, while sending the aforesaid sum in bills of exchange, he had written back to the said servants that the severe illness of Governor Gertallebchan, whereby the provisional chief since his arrival at Brootchia had been prevented from paying the usual first visit to him, and his subsequent death on the 9th of this month, involved a contradiction with the visit paid to him virtually in extremis, which one was willing to overlook for this time regarding the said chief on account of his youth and inexperience, but that the same indulgence could not be applied toward the second in command, who as an old servant of the Company ought to have known better; on which account he was also ordered to reimburse the disbursed funds and by no means to charge them to the Honourable Company, it being required henceforth to be observed as a permanent order never to burden the Company with any expenses on the occasion of passing ministers; and they being for the rest permitted to go and congratulate the new governor while presenting the usual presents. For which communication and trouble taken, the members thanked the Lord Commander, and conformed fully to the tenor of the aforesaid reply. Furthermore, a subsequent letter from the said servants was brought to reading. 285
Dutch transcription
Van Souratta onder dato 25:' April, A:o 1755. Van Souratta onder dato 25 April A:o 1755. formeel te Notificeeren, geevende de Heer Gebieder daar neevens in Confi„ „deratien, of de welleevendheid niet vereijschten deese Civiliteit met gelijken politesse te beantwoorden. ! welk sentiment door alle de Leeden g'am„ plecteerd zynde zo wierd de onderkoopman, en secret:s otto Hend:k Ruper„ „ti gecommitteerd om zig morgen na de Engelschen Logie te vervoegen; en gem:e Heer onder een toepasselijk Compliment te verwelle kommen Daar na wierd aangeteekend dat het schip Bloemendaal bene„ vens alle de vaartuijgen naar ketsmandui gedestineerd disteren der„ waarts was onderzeil gegaan, mede nemende 5429: — lb: Garioffel Nagulen 3525: — „ Nooten Muschaat, - 1600: — „ Canneel. 5000: - „ staal Mitsgaders 237299: —„ suijker Poeder 39134: — „ _d:o Candijl, en 40000: — „ sappanhoud zynde dit laaste niet bij factuur bekend gesteld maar de Cap:n willen Marchies mondeling gelast te ondertasten of men zig daar van aldaar met eenig advans zou kunnen ontdoen en bij bevinding van't Contrairen het zelve aanboord te houden, om, volgens besluijt van den 2:e deeser te dienen voor garniering. — vervolgens communiceerde de Heer gebieder dat de Gamronse wis„ „sel van ro/a 30'000: breeder bij resol: van den 10:e deeser gemeld aan de schul„ denaresse gepresenteerd zijnde, de deugdelijk ^ dier schuld door dezelve erkend was, onder belofte van voldoening, en te dien, einden aan de Correspondenten van haare Mans te Bombaij te zullen schrijven, om de noodige penningen te erlangen. — Al meede dat de gecommitteerdens ter visitatien van de Paarden met de drie Papegaijen aangebragt, schriftelijk gerapporteerd hadden, dat vol„ gens eenparig getuijgenis der inlanders, dezelve zo slegt zijn, dat ze voor niemand als voor facquiers kunnen dienen, welk rapport geleezen zijnde wierd beslooten voorsz: Paarden ten eersten bij publicque vendutien aan de meestbiedende te verkoopen om de EComp:e van die onnutte Aminalen te ontlasten, als zynde het voeder niet waard, veel minder dat men voor deselve nog een aparte stal zou moeten huuren vermits er op sEComp:s stal geen plaats overschiet. — Te deeser geleegendheid gesprooken zijnde van de Dranken, die in sE Comp:s Dispens, na verstrekking der gewoone rantsoenen overschieten, wierd goedgevonden dezelve te laaten gelijk met de voorsz: praarden te verkoopen, en daar toe vastgesteld Dingsdag zullende zijn de 22:e deezer, ook tot gecommit„ „teerdens benoemd om daar bij te assisteeren de onderkooplieden Ruperti en Ebbenhorst 'T welk gedaan zynde wierd geleezen een brieff van Brootchia gesatd den 9:e deezer, waar bij de factoiren aldaar kennis geeven dat de stads Gouverneur Gertallebchan, na eene ziekte van omtrend een maand, dien dag overleeden, en zijn onmondige zoon Mirza Hosseijn Alij, onder 't opsigt van den steedehouder Hazem Reza in plaats gesuccedeerd was, met versoek om denzelven te moogen gaan Complimenteeren: voegende daar bij eene specificatien, groot ro/a 96: of ƒ144:- van ongelden die zij zeggen dat bij eerste visite van't nieuw opperhoofd, en ter gelegendheid van den aldaar gepasseerd hebbende koopman Marten Huijsvoor, koo„ mende van Amed=abaad, die te gelijk een besoek bij de moorsche en Gemeinse Regenten afgelegd heeft, hebben moeten gedaan worden versoen„ kende daar op approbatien ter inboeking, mitsg:s uyt naam van den Maakelaar Goordendas een nader ontset van ro/a 20000: of ƒ38000 tot voortzetting van den Insaam. Waar op de Heer Directeur verklaarde onder toezending van de evengem:e som in wissels aan gem:e Bedientens gerescribeert te hebben dat de zwaare ziekte van den Gouverneur Gertallebchan waar door het p:s opperhoofd zeedert zyne aankomst te Brootchia was belet geworden, de gewoone eerste visite bij hem afte leggen, en desselfs op den 9:e deezer daar op gevolgde dood met het bij hem genoegsaam in articulis mortis gedaan besoek eene Contradictien involveerden, die men voor dit maal aan gem:e opperhoofd om desselfs Jongheid en on„ ervarentheid wel wilde passeeren, maar dat deselven inschikkelijkheid niet kon gebruijken omtrent den Tweeden die als een oud Comp:s dienaar beeter had moeten weeten; weshalven deselve ook gelast was de uytgeschooten penningen te rembourseeren maar geensints ten lasten van dEComp: te brengen zullende voortaan als een permanente ordre in observantien moeten gehouden worden het Comp: nooijt te belasten met eenige uyt„ „gaaven ter gelegendheid van passeerende ministers; en zijnde haar voor 't overige gepermitteerd den nieuwen Gouverneur onder 't presen„ teeren der gewoone Wessers. te moogen gaan feliciteeren. voor welke Commu„ nicatie en genoome moeite de Leeden den Heer Gebieder bedankten, en zig volkoomen met de Teneur der voorsz: rescriptie Conformeerden Nog wierd ter Lecturen gebragt een Nader schrijven van gem:e E Bedientens dezelve 285
English
287. From Souratta under date 25 April Anno 1755. Employees under date the 15th of this month, attempting to justify their aforesaid conduct, and requesting once again approval of the expenses incurred, giving at the same time notice of the receipt and the acceptance of the transmitted bills of exchange, with a request for some funds to meet the daily expenses: whereupon after deliberations it was resolved to persist in the contents of the above-mentioned rescription as far as the specifications of the expenses incurred are concerned, and to remit ro/a 10000.- or f 15000.- by bill of exchange, from which the necessary expenses can be paid, and the remainder shall remain in the cash desk until further instructions for the benefit of the collection are given. Subsequently, the Lord Director communicated that, pursuant to the latest resolution, the surgeon's mate of the ship de drie Papegaijen named Hendrik Ketteling from Amsterdam was stationed on the hooker de Ionge Jacob to perform his service there, he having also been provided with the most necessary internal and external medicines. And finally it was recorded that on the 15th of this month five soldiers of this garrison named Iohan George klingenhamer from Ammerau, Gotlob willem Rigter from Iongerstad, Hendrik Blinks from Hannover, Anthonij Fredrik Gleuden from Diemerdorp and Carel willem Jenichen from Grimburg, as well as the following day another five men, namely Dirk villart and Gerrit Colens, both from Antwerp, Iacob Rimlij from Tebach, Hendrik Brannewald from Zurich and Iohan George Semels from Lucca have deserted, without it having been possible thus far, notwithstanding all efforts and expenses expended, to discover which faction they chose or whither they retreated. /below was written:/ Thus done and resolved in the Dutch Office Souratta on the day, month and year aforesaid /was signed:/ J:n de Roth, I:n Drabbe, I:n A:n Sweers de Landas, D: Kellij, J:n W:n Falck, O:t Hend:k Ruperti and R:s van Ebbenhorst /below was written:/ Agreed /was signed:/ Otto Hend:k Ruperti Secretary /in the margin/ Examined J:n gfred:k de Hartog. Pursuant to Your Esteemed and Honorable Worships' highly respected order, the undersigned members of the Political Council, with the help of the Honorable Company's money-changer Narrendas Laabdas and Persian writer Harengie Goweran, whom Your Esteemed and Honorable Worships had the goodness to assign to us, have re-examined de novo, according to the tenor of Their High Nobilities' revered letter dated 20 August, the books of the deceased broker Kissourdas wenmalidas concerning the former warehouse master Willem van der Laar, and upon comparison of the entries found that the account which the widow of the aforementioned broker submitted last year and which was then sent to Batavia, differs somewhat from the one the above-mentioned banyans have now extracted from the books, and which they assure to be in conformity with them, differing however in the principal sum by only 1/8 rop:s, and it appearing thereby that the said van der Laar, instead of claiming to have ro/a 4525½, still owes ro/a 972. 7/8; and since we have translated the aforementioned account into Dutch, we take the liberty of appending it hereto. Wherewith, hoping to have fulfilled the assigned commission to the satisfaction of Their High Nobilities and of Your Esteemed and Honorable Worships, we have the honor to be, with the utmost respect, /below was written:/ Esteemed, Honorable and Commending Lord /lower:/ Your Esteemed and Honorable Worships' very obedient and bounden servants /was signed:/ I: A:k Sweers de Landas and O:to Hend:k Ruperti /in the margin:/ Souratta 14 April Anno 1755. /below was written:/ Agreed /was signed:/ P: I: Wenkink as First Sworn Clerk /in the margin:/ Examined /signed:/ I:n fred:k de Hartog. Esteemed, Honorable and Commending Lord To the Esteemed and Honorable Lord Johan de Roth Director and Ruler of this Directorate From Souratta under date 25 April Anno 1755: 1st To
Dutch transcription
287. Van Souratta onder dato 25:' April A:o 1755. Bedientens sub dato 15:e deeser, tragtende hun voorsz: gedrag te regt„ vaardigen, en versoekende nogmaals om approbatie der gedaane ongelden geevende te gelyk kennis van den ontfangst en de accepta„ „tie der overgesondene wissels met versoek om eenige penningen tot het doen der dagelijkse ongelden: waar op na deliberatien verstaan wierd, bij den inhoud der bovengem: rescriptie voor zo veel de specificatien der gedaane ongelden aangaat te blijven persisteeren, en ro/a 10'000:-of ƒ15000:- per wissel te remitteeren kunnende daar van de noodige guastos ge daan worden, en het overige in Cassa blijven tot dat men daar van nader ten dienste van den Insaam zal disponeeren. — Vervolgens Communiceerden de Heer Directeur, dat ingevolge het Jongste besluijt de ondermeester van't schip de drie Papegaijen genaamd Hendrik Ketteling van Amsterdam op de Hoeker de Ionge Jacob geplaast was om aldaar zijn dienst te presteeren hebbende men hem ook van de noodigste innerlijk en uijterlijke Medicamenten voorsien En eindelijk wierd aangeteekend dat op den 15=e hujus vijff sol„ „daaten van dit Guarnisoen genaamd Iohan George klingen hamer van Ammerau, Gotlob willem Rigter van Iongerstad Hendrik Blinks van Hannover, Anthonij Fredrik Gleuden van Diemerdorp en Carel willem Jenichen van Grimburg, mitsg:s den volgende dag weederom vijf man namentlijk Dirk villart e Gerrit Colens beide van Antwerpen Iacob Rimlij van Tebach, Hen„ „drik Brannewald van Zurich en Iohan George Semels van Lucca gedeserteerd zijn, zonder dat men tot nogtoe, niet teegenstaande alle aangewende moeiten en kosten, heeft kunnen ontdecken wat parthij deselve gekoosen of werwaarts zij zig geretireerd heeft /onder„ stond:/ Aldus gedaan ende g'arresteerd in't Nederlands Comptoir Souratta ten Dage Maand en Iaare voormelt /was getekend:/ J:n de Roth: I:n Drabbe, I:n A:n Sweers de Landas, D: Kellij, J:n W:n Falck, O:t Hend:k Ruperti en R:s van Ebbenhorst /onderstond:/ Accordeerd /was get:/ Otto Hend:k Ruperti Secretaris /in margine / Nagesien J:n gfred:k de Hartog Ingevolge Uw E: E: Agtb: seer gerespeteerde ordre hebben de onderget: Leeden van den Politiquen Raad met behulp van sEComp:s wisselaar Narrendas Laabdas en Persiaans schrijver Harengie Goweran die UwEE: agtb: de goedheid heeft gehad ons toetevoegen de Boeken van den overleeden Makelaar Kissourdas wenmalidas raakende de voor„ maals geweesen Pakhuijsmeester willem van der Laar, de novo naar luyt haar Hoog Ed:s geveneerd schrijven in dato 20 aug:s g'examineerd en bij Confrontatie der Posten bevonden dat de reek: die de wede: van voorn:e Makelaar in den voorleeden Jaar heeft opgegeven en die als toen naar Batavia is gezonden eenigsints verschillende is van dien bovengem: benjanen thans uyt de boeken hebbe getrokken en die zij ver„ seekeren daar meede Conform te weesen verschillende egter in de Hoofd somme maar 1/8 rop:s en blykende daar bij dat gesegde van der Laar in steede van ro/a 4525½ te pretendeeren te hebben nog ro/a 972. 7/8. schuldig is en dewijl wij de voorm:e reekening in het Nederduijts hebben overgeset zo neemen wij de vrijheid die hier neevens te voegen. waar meede verhoopen aan de opgedragene Commissie ter vergenoeging van haare Hoog Ed:s en van uw E:E: Agtb: voldaan te hebben hebben wij de heren met de uijterste agting te sijn /:onderstond:/ E: E: Agtb: welgebiedend Heer /:Lager:/ Uw: E:E: agtb: seer gehoorsamen en Trouwschuldige Dienaren /was getekend:/ I: A:k Sweers de Landas en O:to Hend:k Ruperti /in margine:/ Souratta den 14 april A:o 1755. /onderstond:/ accordeerd /was get:/ P: I: Wenkink p„o Eerste Getw: Clercq /in margine:/ Nagezien /get:/ I:n fred:k de Hartog E: E: Agtb:r Welgebiend Heer Aan den E: E: Agtb: Heer Johan de Roth Directeur en Gebieder deezer Van Souratta onder dato 25:e April A:o 1755: Directie . 1 e Aan
English
[illegible] This Register No. 1. An original Letter to their High Noble Lordships, the Lords of the Supreme Government of the Indies, dated 22 May Anno 1755. 2. A secret Missive to the aforementioned High Noble Lordships of the same date. 3. A translation of a heathen missive written to his High Nobility, the High Noble, Right Honorable, widely ruling Lord Jacob Mossel, Governor General of the Netherlands Indies, by Tulaji Angria, dated 28 April Anno 1755; annexed with a copy of the account of the skipper Simon Root and Lieutenant Olphert Elias. 4. A copy of a report from the skipper Willem Hoogland concerning the desolate condition of his ship's crew. 5. A copy of a memorandum of the purchase and sale prices of certain Surat returns for the homeland, and what percent advance profit they yielded after the most recent sale, according to the memorandum of the Senior Merchants of Batavia Castle. 6. A copy of a missive from the skipper and equipage supervisor Jan Willem Falck regarding the capture of a loaded cargo boat with sugar by the Koli pirates, dated on the ship Giesenburg, 11 May 1755. 7. Report from the skipper Willem Hoogland to the chief mate Pieter de Bakker regarding the condition of the Honorable Company's small vessels and covered cargo boats. 8. Copy of a requisition of necessities for the preservation of the ship Giesenburg. 9. Findings regarding the delivered cargo of the aforementioned vessel, annexed with a copy of a report from the Honorable Company's brokers concerning the condition of the imported agarwood. 10. Original expense account of the aforementioned vessel. 11. Cochin expense account of the aforementioned vessel, annexed with two memoranda of delivered necessities for the equipage office at Batavia. Surat, 22 May Anno 1755. /was signed:/ Otto Hendrik Ruperti, Secretary. Register of such papers as are respectfully dispatched today per the ship Giesenburg via Malacca to his High Nobility, The High Noble, Right Honorable Lord Jacob Mossel, Governor General, together with The Right Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies. From Surat, 22 May Anno 1755. [illegible] This Register No. 1. An original Letter to their High Noble Lordships, the Lords of the Supreme Government of the Indies, dated 22 May Anno 1755. 2. A secret Missive to the aforementioned High Noble Lordships of the same date. 3. A translation of a heathen missive written to his High Nobility, the High Noble, Right Honorable, widely ruling Lord Jacob Mossel, Governor General of the Netherlands Indies, by Tulaji Angria, dated 28 April Anno 1755; annexed with a copy of the account of the skipper Simon Root and Lieutenant Olphert Elias. 4. A copy of a report from the skipper Willem Hoogland concerning the desolate condition of his ship's crew. 5. A copy of a memorandum of the purchase and sale prices of certain Surat returns for the homeland, and what percent advance profit they yielded after the most recent sale, according to the memorandum of the Senior Merchants of Batavia Castle. 6. A copy of missives from the skipper and equipage supervisor Jan Willem Falck regarding the capture of a loaded cargo boat with sugar by the Koli pirates, dated on the ship Giesenburg, 11 May 1755. 7. Report from the skipper Willem Hoogland to the chief mate Pieter de Bakker regarding the condition of the Honorable Company's small vessels and covered cargo boats. 8. Copy of a requisition of necessities for the preservation of the ship Giesenburg. 9. Findings regarding the delivered cargo of the aforementioned vessel, annexed with a copy of a report from the Honorable Company's brokers concerning the condition of the imported agarwood. 10. Original expense account of the aforementioned vessel. 11. Cochin expense account of the aforementioned vessel, annexed with two memoranda of delivered necessities for the equipage office at Batavia. Surat, 22 May Anno 1755. /was signed:/ Otto Hendrik Ruperti, Secretary. Register of such papers as are respectfully dispatched today per the ship Giesenburg via Malacca to his High Nobility, The High Noble, Right Honorable Lord Jacob Mossel, Governor General, together with The Right Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies. From Surat, 22 May Anno 1755. [illegible] To
Dutch transcription
289 18 Januij 5 E 378 ƒ d 5 25 = 5 e „vr v 4 „„ = 23 o : d. E de Ge 1 in zi . P vb 888 31 _o die 2 maan P ende do r po8 6„ 8„8 er ve 167 6: hee v di „ 10 : . „ 10 8 5 Ee is is 8„ 56 „ dee Siker 58 rca „ „162 in de huis 86 : N sue T 3 ƒ po 8 J: r: F de Eijsg 1 is „ 3 S. S. S „ d „„ vs : P. 5 . . env . 5 is 8 N d 4 x ƒ0:50 F , v. s . . . . : ed . . . : : :: : : : : .. : 8 :: 5 8 . . . : . sr 5 : : E . . *: 5 . . : . s 2 de : & : : : 1: 8 „ „ „ „ - 0 . 8. 6 6 8 S d to : 87. 8 /8 9 5 5 5 - e5 Dit Register N:o 1. Een origineelen Brief aan haare Hoog Ed:s de Heere der Hooge Indisschen Regeering gedateerd den 22 Maij Ao 1755. — 2. Een secrete Missive aan Hoog gem:t Haar Hoog Ed:s van denselven Tatum 3. Een Translaat Heidensche Missive gesz: aan zijn HoogEdelheid den Hoog Ed:s groot agtb: wijd gebiedende Heere Iacob Mossel Gouvern:r Gener:l van Nederlands Jndia door Tollaadje Angria ged:t den 28:e april A:o 1755: annex een Copij relaas van den schipper Simon Root en den Luijtenant olphert Elias 4. Een Copij berigt van den schipper Willem Hoogland noopens de deplate staad van zijn scheeps volk 5. Een Copij Memorie van de in en verkoops prijsen van sommige souratse retouren pro patria en hoe veel p:r C:t advans deselve na de Jongste verkoop volgens memorie der opperkooplieden des Casteels Batavia afge„ worpen hebben. — 6. Een Copij missive van den schipper en Equipagie opsiender Jan W:m Falck raakende het neemen van een geladen storrij met zuyker door de Coelijse roovers gedateerd in 't schip Giesenburg den 11:e Maij 1755. „ Berigt van den schipper Willem Hoogland aan den opperstuurman Pieter de Bakker aangaande de gesteldheid van sEComp:s smal„ scheepen en overdekte Horrijs 8. „ Copij Eijsch van benodigtheeden ten behoeden van 't schip Giesenburg 9. „ Bevinding van de uijtgeleeverde laading van gem:te boodem annex een Copia berigt van sEComp:s Maakelaars raakende gsteld heid van het aangebragte Agulhout 0. „ Origineelen onkostreekening van gedagte Bodem 11. „ Cochimse onkostreek:n van voorsz: bodem annex twee Memorien van gelee„ verde benodigtheeden voor 't Equipagien Comptoir te Batavia Souratta den 22 Maij A:o 175./watget:/ O:t Hend:r Ruperti Jeret„s Register van zodanige Papieren als er op heeden per 't schip Giesenburg over Malacca eer„ biediglijk versonden worden aan zijne Hoog Edelheid Den Hoog Edele Groot agtbaren Heer Jacob Mossel Gouverneur Generaal benevens De wel Edele Heeren Raden van Nederlands India Van Souratta den 22:e Meij A:o 1755.— d ƒ d 5 59 P . 3 P ew. 98 8 15 e E „ 5 / d. 1 8 8 ƒ0 8 3 en „ s„b 8 8 5 45 8D 19 8 p5 4 4 „ „ 5 e 5 ƒ ƒ„ 0. 68 48 pt 5„ .. x de . „ 1 851. 8 14- e d 5 or 86 5 „„ - .. .. G Van 289 e 5 „ 12. „ l0 S. 8 5 Januij ƒ 2vst „ = 31 4 ster ^ e 16 1. 8 Nes „ P e N 88 de A inge 18 P v d 1/6 8 . 8 d=o „ 6 van roosen van 10 8 Een : „ 8 „ „ T: A si silvere ee 8 i 8d 5 ds 5„ e e „ „ i o Sikek e p 8 dE 162 8 rtuij d hef 1 4 S ƒ „ vers 5 . .: : 5 : : 1es e. : 8 : . e : ƒ i ƒ0:- 8 5 : : r 1:: &. : :: . *. * * : 8 : . * . . 1 :: E . ... : : : : 1. :: : . d. :: „8. S. 8 .: 3 „ 1... 1 : . : : 255 . ::: : . . s . . : ::: : : : 1: : „ : 1 9 288 d8 R ie edi gende i de r 8 Cto i E „ e Dit Register N:o 1. Een origineelen Brief aan haare Hoog Ed:s de Heere der Hooge Indisschen Regeering gedateerd den 22 Maij A:o 1755. — 2. Een secrete Missive aan Hoog gem:t Haar Hoog Ed:s van denselven Datum 3. Een Translaat Heidensche Missive gesz: aan zijn Hoog Edelheid den Hoog Ed:s groot agtb: wijd gebiedenden Heere Iacob Mossel Gouvern:r Gener:l van Nederlands India door Tollaadje Angria ged:t den 28:e: april A:o 1755: annex een Copij relaas van den schipper Simon Root en den Luijtenant olphert Elias 4. Een Copij berigt van den schipper willem Hoogland noopens de desolate staad van zijn scheeps volk 5. Een Copij Memorie van de in en verkoops prijsen van sommige souratse retouren pro patria en hoe veel p:r C:t advans deselve na de Jongste verkoop volgens memorie der opperkooplieden des Casteels Batavia afge„ worpen hebben. — 6. Een Copij missiven van den schipper en Equipagie opsiender Jan W:m Falck raakende het neemen van een geladen Htorrij met zuyker door de Coelijse roovers gedateerd in't schip Giesenburg den 11:e Maij 1755. „ Berigt van den schipper Willem Hoogland aan den opperstuurman Pieter de Bakker aangaande de gesteldheid van sEComp:s smal„ scheepen en overdekte Horrijs 8. „ Copij Eijsch van benodigtheeden ten behoeden van 't schip Giesenburg 9. „ Bevinding van de uytgeleeverde laading van gem:te boodem annex een Copia berigt van 'sEComp:s Maakelaars raakende gesteldheid van het aangebragte Agulhout 6. „ Origineele onkostreekening van gedagte Bodem 1. „ Coohimse onkostreek:n van voorsz: bodem annex twee Memorien van gelee„ verde benodigtheeden voor 't Equipagien Comptoir te Batavia Souratta den 22 Maij A:o 175. /wat get:/ O:t Hend:k Ruparti secres„s Register van zodanige Papieren als er op heeden per 't schip Giesenburg over Malacca eer„ biediglijk versonden worden aan zijne Hoog Edelheid Den Hoog Edele Groot agtbaren Heer Jacob Mossel Gouverneur Generaal benevens De wel Edele Heeren Raden van Nederlands India Van Souratta den 22:e Meij A:o 1755. ƒ . W :B5 6 5 5 S 5 3 227 5 5 P e ma _ g 6 A 9N8 „ 151. 84-,1 8 „ 1 11 11 5 No: x 18 . . . P 5„„ƒ „ „ „ do 45 vs 5 8 Ce5 ƒ : 18 : ƒ „ ƒ 64 st ƒ 8 8 „ ds 88 c 5 .. . 3. 8er e e „ - : „ . ^ . „ . ** 3 „ 8 1. 0. 156 — 1 1 1 : d 8 98 8 Aan
English
[illegible] This Register No. 1. An original letter to their High Excellencies the Gentlemen of the High Indian Government dated 22 May Anno 1755. No. 2. A secret missive to the abovementioned their High Excellencies of the same date. No. 3. A translated heathen missive written to his High Excellency the High Noble, Highly Esteemed, Widely Ruling Lord Iacob Mossel, Governor General of the Netherlands Indies, by Tollaadje Angria, dated 28 April Anno 1755; annexed a copy report of the master Simon Root and the lieutenant olphert Elias. 4. A copy report of the master Willem Hoogland regarding the desolate state of his ship's crew. No. 5. A copy memorandum of the purchase and sale prices of some Surat returns for the homeland and how much percent advance profit the same have yielded after the latest sale according to the memorandum of the senior merchants of the Castle of Batavia. No. 6. A copy missive of the master and equipage supervisor Jan Willem talck concerning the capture of a loaded horry with sugar by the Cooly pirates, dated on the ship Giesenburg the 11th of May 1755. 7. Report of the master Willem Hoogland to the chief mate Pieter de Bakker regarding the condition of the Honorable Company's small vessels and covered horries. 8. Copy requisition of necessities for the preservation of the ship Giesenburg. No. 9. Findings on the discharged cargo of the aforementioned vessel, annexed a copy report of the Honorable Company's brokers concerning the condition of the brought eaglewood. No. 10. Original account of expenses of the said vessel. No. 11. Cochin account of expenses of the aforementioned vessel, annexed two memoranda of delivered necessities for the Equipage Office at Batavia. Surat, 22 May Anno 1755. /was signed/ Ot Hendrik Ruperti Jevedens. Register of such papers as are respectfully dispatched today via the ship Giesenburg by way of Malacca to his High Excellency the High Noble, Highly Esteemed Lord Jacob Mossel, Governor General, together with the Right Noble Lords Councilors of the Netherlands Indies. From Surat, the 22nd of May Anno 1755. [illegible] To
Dutch transcription
289 Ed N 95 18 Januij: do 8 dge „ „ 8½ = d id 1 p - . N6 . 8 d. d e lij 17 AD: 138 98 Ses „ of A dd 888 zijn „6„6„ 8 „:8 van Tinn e E ƒ E: de : on d fo. 18 set 1e ƒ ne vors s 8„ is de 88 Heer Jan ps Sisch e 5 „ p 8 kost e „ ed d E do. Een p Jd F 4vg d'E „ hes E. C. : „ .S. S. S 86 Ed g8 „ „ . P. vs No: 9 .. ƒ N 1 v : :. 4 : x 38: . 5 N : F 8, : . . „ S : .* . * :: 1 , S L : : 5 .. : :: : . : : . 6 :: : 18 C . 8„8 Eb 8 : : 1. : : ::: 7 : : :: ::: ::: : : 8 ƒ „1 1 : 1 1 :928 de 8 18 88 5 646 4380 8 4 8 r / d E 2t ge v x va/ 5 87: af ap di 87 N 70 - 8 d Dit Register N:o 1. Een origineelen Brief aan haare Hoog Ed:s de Heere der Hooge Indischen Regeering gedateerd den 22 Maij A:o 1755. — „ 2. Een secrete Missiven aan Hoog gem:t Haar Hoog Ed:s van denselven Datum „ 3. Een Translaat Heidensche Missive gesz: aan zijn Hoog Edelheid den Hoog Ed:s groot agtb: wijd gebiedende Heere Iacob Mossel Gouvern:r Gener:l van Nederlands Jndia door Tollaadje Angria ged:t den 28:e april A:o 1755: annex een Copij relaas van den schipper Simon Root en den Luijtenant olphert Elias 4. Een Copij berigt van den schipper Willem Hoogland noopens de depolate staad van zijn scheeps volk „ 5. Een Copij Memorie van de in en verkoops prijsen van sommige souratse retouren pro patria en hoe veel p:r C:t advans deselve na de Jongste verkoop volgens memorie der opperkooplieden des Casteels Batavia afge„ worpen hebben. — „ 6. Een Copij missive van den schipper en Equipagie opsiender Jan W:m talck raakende het neemen van een geladen Horrij met zuyker door de Coelijse roovers gedateerd in 't schip Giesenburg den 11:e Maij 1755. „ Berigt van den schipper Willem Hoogland aan den opperstuurman Pieter de Bakker aangaande de gesteldheid van sEComp:s smal„ scheepen en overdekte Horrijs 8. „ Copij Eijsch van benodigtheeden ten behoeden van 't schip Giesenburg „ 9. „ Bevinding van de uijtgeleeverde laading van gem:te boodem annex een Copia berigt van s Comp: Maakelaars raakende gesteldheid van het aangebragte Agulhout „ 10. „ Origineele onkostreekening van gedagte Bodem „ 11. „ Cochimse onkostreek: van voorsz: bodem annex twee Memorien van gelee„ verde benodigtheeden voor 't Equipagien Comptoir te Batavia Souratta den 22 Maij A:o 175. /wat get:/ O:t Hend:k Ruperti Jeved„s 7. Register van zodanige Papieren als er op heeden per 't schip Giesenburg over Malacca eer„ biediglijk versonden worden aan zijne Hoog Edelheid Den Hoog Edele Groot agtbaren Heer Jacob Mossel Gouverneur Generaal benevens Dewel Edele Heeren Raden van Nederlands India Van Souratta den 22:e Meij A:o 1755. „ . 5 „ * 3 5 P ƒ 8 gerug 5 88 .. .* . . „. : = v 8 8 8 3 8 5 11 . . . - en A: :V „x ves C.. „ƒ „ „ do ƒ & 5 45 118 5 5 S1 e 8. 8. 8e 1 8 x 95 d ƒ 0 de ƒ 9 „118 ƒ gt 9 F „ S A 8 ƒ 3 p t N D e e 8 .. 119 ƒs 9086 „ Aan
English
291. From Surat, 22 May 1755. From Surat, 22 May 1755 Batavia To His High Excellency The High Noble, Right Honorable, Wide-Ruling Lord Iacob Mossel, Governor-General together with The Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies. High Noble, Right Honorable, Wide-Ruling Lord, and Honorable Lords. Your High Excellencies' revered letter dated 8 November, together with the enclosed extract from the minutes of 29 October of the past year, which we received on the 5th of this month along with other papers from the hands of the skipper Willem Hoogland, have been made secret by a resolution of the latter date, both because they contain various matters that are already concluded, and for several other reasons that moved the first undersigned thereto. We thank Your High Excellencies most humbly for the favorable prolongation of the lay days of the ships in these roads, by which we were enabled to give the ship Giesenburg a cargo of cotton, from which the foreign nations would otherwise have profited again due to the late arrival of the said vessel, and that quite at their leisure, since the fine weather that began with this month has persisted until now; serving as a further proof of the variability and complete reversal of the monsoon, so that no firm reliance can be placed upon it as formerly, seeing that this year, continuously from the month of January to the end of April, a gale blew in these regions, whereby our vessels were successively in great danger, several were driven from their anchors, and the sails of some were blown out of the bolt-ropes, so that the expenses for vessels will again be great this year. All our heavy ropes and hawsers had already been supplied before the arrival of Giesenburg, and in order to accommodate this vessel according to orders and not to run into embarrassment, we were forced to purchase 2 pieces of heavy coir ropes here; which obliges us to implore Your High Excellencies to be pleased to order the ministers of Cochin to provide us as soon as possible with good and sound hawser ropes, as the Surat ones run very high in price, although one cannot deny that they are rather better than those from Cochin. The hooker De Jonge Iacob, which we recently sent on convoy to Sind, lay waiting before the coast with its accompanying vessels for three days, without the latter being able to find an opportunity to reach the roads or any vessel being able to come out on account of the continuous gale and dead lee shore; and since the forecastles of the hooker as well as of the convoy constantly plunged under water due to the heavy adverse winds and hollow sea, and could scarcely be kept afloat by pumping, the commander Pieter Bakker, together with the chief mate Arij Fransz, finally resolved to weigh anchor and, according to their instructions, to sail to Ketsmandvi, for which trading post we had also given him a consignment of sugar and some presents for the raja for delivery. But he was only able to discharge a part of his cargo there, as no vessels were willing to go to the roads anymore. The said hooker, whose convoy remained at Mandvi to winter there, has since happily returned into this river, bringing along the narrow-ship Batavia, which, according to our last respectful letter, had been obliged to remain at the said trading post due to damage sustained, and during the voyage could scarcely be kept afloat on account of severe leakage. This latter circumstance obliged the first undersigned to have the said narrow-ship, as well as the Jonge Susanna, accurately examined by specially appointed qualified persons, who submitted a report thereof under No. 7. And since it appears from this that the first-mentioned vessel requires such heavy repairs that it will be more advantageous to scrap it, especially since, despite all expenses to be incurred, this narrow-ship will at best be able to sail for only three more years, and the Jonge Susanna is likewise very frail, we find ourselves obliged to request Your High Excellencies for authorization to construct two new narrow-ships, which are strictly necessary lest the Honorable Company suddenly find itself destitute of the necessary vessels here. The narrow-ship De Jonge Susanna recently received another severe shock when it, together with two decked horis and the galvet De Waaksaamheid, was sent to Jambusar to fetch the Ahmedabad returns, having been driven from its anchors and become so leaky from pounding that the said two horis had to take in the bales; the mainsail of the galvet was also blown away, and the aforesaid vessels returned here in a very dilapidated state. The aforementioned continuous gale caused much damage and misfortune in these regions, and had the narrow-ship and the galvet not had the good fortune to be able to sail into the river of Jambusar
Dutch transcription
291. Van Souratta den 22 Meij A:o 1755. Van Souratta den 22:e Meij 1755 weel zebben gelegens: vaartuijgen Batavia Aan zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edelen Groot Agtbaren wijd gebiedende Heer Iacob Mossel Gouverneur Generaal benevens De WelEdele Heeren Raaden van Nederlands India Hoog Edel, Groot agtbaar wijdgebiedend Heer. en WelEdele Heeren Uwer Hoog Edelheedens gevenereerde Missiven de dato 8 Novemb:, bene„ ij e atruet notien e ae ens het daar bij gevoegd lxtract uijt de Notulen van den 29:e octob: des gepasseerden Jaars die wij den 5:e deeser met meer andere papieren uyt handen van den schipper willem om reedenen sereet gemaakt Hoogland ontfangen hebben, sijn bij besluijt van laast gem: datum secreet ge„ „maakt, zoo om dat deselve diverse zaaken behalsen die reeds haar beslag hebben, als om meer andere reedenen den eerstondergeteekende daar toe permovee„ perolongatien van de legtijde „ rende. wij bedanken uwe Hoog Edelheedens op 't allerootmoedigste voor de gunstige prolongatien van de legtijd der scheepen te deeser rheede, zynde wij daar door in staad gesteld om het schip Giesenburg eene lading Cattoen in te geeven daar anders de vreemde Natien, mits de laate aankomst van gem:t bodem, weederom van geprofiteerd zoude hebben, en dat wel op haar ge„ gemak, vermits het mooij weer, met deese maand begonnen tot nog toe stand „remoen da mijsteer heint gehouden heeft; dienende tot een naader blijk van de variadiliteit en 't eene„ maalige omkeering der Mousson, zodanig dat daar op geen vas te staad meer, gelyk voor deesen kan gemaakt worden, dat het deesen Jaare van de maand Ia„ nuarij tot ult:o april bij Continuatie in deese gewesten een storm heeft gewaaid waar door onse vaartuijgen successivelijk in groot geaar geweest, verscheide van haare ankers geslaagen en de zeilen van zommigen uijt de leyken gewaaijd zijn, zoo dat de onkosten van vaartuijgen dit Jaar al weederom groot sullen weesen. Alle onse swaare touwen en vijgers waaren reeds voor de komst van Giesenburg verstrekt, en om deesen boddem volgens de ordre te kunnen gerieven en niet in verlegent: „heid te geraaken, is men genoodsaakt geweest 2 p:s swaare Kaijer Touwen hier inte koopen; 't geen ons verpligt uwe Hoog Edelheedens te smeeken, om den Ministers van Cochim te willen gelasten, ons zo spoedig als maar immer mogelyk is van goede en deugsamen ^ viygentouwen te voorsien, wijl de souratsen zeer hoog op stok loopen, alhoewel men ook niet kan ontkennen dat deselven vrij beeter zijn als de Cochimsen De Hoeker de Ionge Iacob dien wij jongst op Convoij naar Sindij de koeker de Jonge Jacob gesonden hadden heeft met zyne byhebbende vaartuijgen drie etmalen voor de wal legge wagten, zonder dat de laaste, weegens de geduurige storm/ en Botte Lager occasien zouden vinden om de rheede te bezeilen of dat ier eenig vaartuijg naar buijten kon koomen, en vermits de Bakken van den hoeker heeft zij konvoij niet tot so wel als van't Convoij door de swaare poen winden en holle zee geduurig sirdij kunnen brengen onder waater stampten en nauwlijks met pompen konden booven gehouden werden is de gesaghebber Pieter Bakker, neevens den opderstuurman Arij Fransz: ein maar naar hetdmanden moe„ delijk te rade geworden het anker te ligten, en volgens hunne Instructien naar Ketsmandui te zeilen, voor welk Comptoir wij hem nog eene partij suijker en eenige geschenken voor den radja ter bestelling hadde meede gegeven. Dog hij heeft daar slegts een gedeelte van zijne laading kunnen lossen also er geen vaartuijg meer „naar de Rheede wilden. Gem:e Hloeker, der lading geretourneteerd : dee wiens Convoij te Mandum is gebleeven om aldaar te overwinteren, is zedert ge„ lukkig binnen deeze rivier geretourneerd, meede brengende het smalschip met het smalschip Batavia Batavia, 't geen volgens ons Jongst eerbiedig schrijven, weegens bekomen schalden ten gem:te Comptoiren had moeten blijven leggen, en geduurende de reisen om de ster„ „ke lekkagien nauwlijk booven waater heeft kunnen worden gehouden. Deese weshalven het selve nauwkening laatste omstandigheid heeft den eerstgeteekende verpligt, gem:te smalschip door Expresse gecommitteerdens, zig des verstaande nauwkeurig te laaten exa„ mineeren zo wel als de Jonge Susanna dewelke daar van Rapport hebben gedaan vergaan inschiptis waar van Copia neevens ^ onder N:o 7. en vermits daar uijt blijkt, dat het eerstgem:e vaartuijg zulk eene swaare reparatien verlijscht, dat het voordeeliger sal weesen het selve te sloopen, voor al dewijl niet teegenstaande alle te doene ongelden, dit smalschip op zijn bestgenoomen nog maar drie Jaaren sal kunnen vaaren, en de Jonge susanna almeede zeer wrak is, zo himdede Jonge susanna meede vinden wij ons genoodsaakt uwe Hoog Ed:s om qualificatien te versoeken tot het aanmaaken van twee nieuwen smalscheepen, die volstrekt noodsakelijk zijn wilde EComp:e zig hier met eenklaps destituut sien van de noodige vaar„ tuijgen. Het smalschip de Ionge Susanna heeft onlangs weeder een gevoeli„ ge krak gekreegen, wanneer het zelve neevens te twee overdekte Horijs en de Galbet De waaksaamheid naar Iamboeser was gesonden tot afhaaling der Amed-abaadse Retouren zynde van zijne ankers geslaagen, en door stooten so lek geworden dat gem:e twee Horrijs de Pakken hebben moeten inneemen zijnde ook het groot zeil van de Galbet weggewaaijd, en de voorsz: vaartuijgen in een zeer gedelabreerde straat hier gereverteerd, de meergem:te Continueelen storm heeft veel schade en ongelukken in deese gewesten veroorsaakt, en hadden 't smal„ schip en de Galbet het geluk niet gehad om in de rivier van Iamboeser te ten zeilen. 't geen seer Lek is. — der scheepen kunnen
English
From Souratta, the 22nd of May, in the year 1755. From Souratta, the 22nd of May, in the year 1755. Percent gained on some Surat returns. Late arrival and miserable state of the ship's company of Giesenburg. One has been able to remedy the crew with those liberated from Angria; if they had not been able to enter, then according to all appearances nothing of them would have been saved. But now, God be thanked, the Honorable Company has suffered no other disasters thereby than the loss of equipment goods. We express to your High Noblenesses our humble gratitude for the sent Memorandums on the subject of the gathering of the linens, and have the honor to accompany this with another memorandum under No. 5, demonstrating the advantages which the first undersigned, through his trouble and labor concerning the contracting of the cloths, has brought to the Honorable Company. But regarding the Baftas, narrow half black ones, the coarse Niquanias, the Tapies de Ponnebegesjes, Tapies Resjes de Ponnebegesjes, and Tapies Kankeiias, these have already been collected at Amed-abaad, also diverse ones here and at Brootchia, which we are obliged to keep this year, because the contracting was done according to merchant style, that is, bundled together, and in which wanting to make a change now would cause too much disadvantage to the Honorable Company, contracted bundled together and the funds advanced thereon, since over nine Lacq in cash has already been provided to the suppliers here and at the outer offices, which funds, according to custom, have also for the greatest part been given by them in advance to the weavers and craftsmen. Moreover, the cloths delivered by them to the Honorable Company already amount to more than seven lacq, wherefore we humbly trust that your High Noblenesses' everywhere well-known equanimity, equity, and ordinary goodness will kindly accept and pass this which has been set down according to truth, just as we shall not fail on all occasions where your High Noblenesses are pleased to honor us with your orders, to give proofs of our complete submission, and to obey such commands dutifully and strictly to the utmost of our ability. The ship Giesenburg, because of its late departure from Traijfooh on the 17th of January, could not arrive here in the roads before the 3rd of this month, and this in a very deplorable state, having had 36 dead during its voyages, and having delivered 44 sick into our hospital, as appears from the accompanying report of the skipper Willem Hoogland, sub No. 14, of whom another 6 persons have died here, while the remainder, except for 10 men, having recovered their limbs, have been sent back on board. We must give the testimony to the chief surgeon Reijnier Bouschut that he, as in all other occasions, so particularly on this occasion, has conducted himself very attentively and vigilantly, and that in this dire case a second chief surgeon has served us wonderfully well, since without him few sick, for lack of surgeon's assistants, would in so short a time have become able again to perform their duties. But how long this Directorate will still be able to enjoy a second chief surgeon is highly uncertain, because some medicines recently sent to General Ragoen Paudat, brother of Hamia, and prepared by the chief surgeon Iohan Matthias Valck, pleased so well that this general has already sent a request to have the person who composed them with him, at least for some time; to which request, being made orally, we have not yet replied, but which we shall not be able to refuse if the same is repeated. The remaining and quasi-healthy crew of the vessel Giesenburg was so weak and exhausted that if the ship had not had the good fortune to reach these roads, it would have had to drift helplessly, because the crew would no longer have been able to steer the ship, or even get an anchor before the bow. This sad condition has forced us, contrary to the resolution mentioned in the P.S. of our respectful last letter, to place 30 men of the crew recently liberated from Angria, who were well refreshed, on the said vessel, since in our session of the 2nd of May we had re-engaged all the deck officers and common sailors in the service of the Honorable Company. Furthermore, the first undersigned immediately sent the necessary refreshments and fresh water on board, and also had all the remaining water poured out and the casks brought ashore, to all be filled with fresh water, because it is strongly presumed that the bad water received with great haste at Malacca and Cochim caused these contagious diseases, consisting, according to the physicians, in a scorbutic dropsy. Since the skipper was also attacked by it, the skipper and Equipagemeester Ian Warnar Falck was sent on board to have the ship inspected, to discharge and load that vessel. On which occasion an event occurred which we cannot omit bringing to the knowledge of your High Noblenesses, the said Equipagemeester having allowed a boat laden with sugar, both powder and candy, to go to the shore on the 10th to the 11th of this month without convoy, which in its passage was encountered by the Cultanppoer pirates, and after some defense was taken by them and dragged into their nest, the same being taken by the pirates notwithstanding the efforts made the following morning to overtake them, as your High Noblenesses will please see more extensively from the report annexed sub No. 6, which the frequently mentioned Equipagemeester has already delivered in writing to the first undersigned concerning this. Long 293
Dutch transcription
Van Souratta den 22 Meij A:o 1755. Van Souratta den 22:e Maij A:o 1755: p:r C:to behaald op sommige souratse retouren laate aankomst en eelendige staat van 't heeft men de verloste van „pen te remedieeren. der manschap„ kunnen inloopen, dan souden er na alle schein niets van zijn te regt gekomen Dog nu heeft de EComp:e Gode zij dank geene andere rampen daar door geleeden als verlies van Equipagie goederen Wij betuijgen uwe Hoog Ed:s onse Nedrige dankbaarheid voor de geson„ dene Memorien op het stuk van den insaam der Lijwaaten, en hebben de Eeren deese te doen accompagneeren door eene andere memorie onder N: 5. aan „toonende de voordeelen, die de eerst onder get:e, door zyne moeite en arbeid omtrend de aanbesteeding der Doeken, aan de EComp:e heeft toegebragt: maar aangaande de Baftas zouden zwarte smalle halve, de Niquaniassen grove de Tapies de Ponnebegesjes, Tapies Resjes de Ponnebegesjes, en Tapies Kankeiias, deselve zijn bereets op Amed-abaad ingesaamd, ook di„ „verse alhier en te Brootchia, die wij dit Jaar genoodzaakt zijn te moeten houden, dewijl de aanbesteeding volgens koopmans stijl is geschied dat is door malkander, en waar in thans eene verandering te willen maaken te veel nadeel aan de EComp:e zou veroorsaaken) aangesien aan de Leveranciers alhier en aan de Buyten Comptoire reeds over de neegen Lacq Contanten zijn verstrekt welke penningen door haar volgens Costumaden weeder in voorraad ook voor 't grootste gedeelten sijn gegeeven aan de wevers en ambagtslieden. Daar en booven bedraagen de door haar aan de EComp:e geleverde Doeken reeds meer als zeeven lacq wes„ halven wij nedrig vertrouwen dat uwer Hoog Ed:s al om bekende EEqua„ EEquitei't miniteit en ordinaire goedheid dit naar waarheid ter needer gestelden goedgunstig sullen gelieven aan te neemen en te passeeren, gelyk wij in alle ge„ „legendheeden daar uwe Hoog Ed:s ons met derselver ordres gelieven te honoreeren niet in gebreeken sullen blijven, preuves van onse volkomene onderwerping te geeven, i zodaanige beveelen na ons uytterste vermogen schuldpligtig en stiptelijk te obedieeren. — Het schip Giesenburg heeft vermits desselfs laat vertrek van Traijfooh op den 17:e Jann: niet voor den 3:e deeser hier ter rheede kunnen arriveeren scheeps volk van Gietenburg en zulks in een zeer deplorable staat, hebbende geduurende zyne reizen 36 dooden gehad, en 44 zieken in ons hospitaal geleeverd, blykens het neevens„ gaande Berigt van den schipper willem Hoogland, sub N:o 14:, waar van nog 6. persoonen hier zijn overleeden terwijl de overige, op 10 man na hersteld zynde leeden weeder naar boord zijn gesonden, moetende wij aan den oppermeester Reijnier Bouschut het getuijgens geeven dat hij zig, gelijk in alle andere, zoo bijsonders in deese occasie, zeer attent en vigi„ lant gedraagen heeft, en dat ons in dit naar geval een tweede opper„ meester wonderlijk wel is te stade gekoomen dewijl sonder dien weinig zieken, bij gebrek van meesters hulpen, in zoo korte tijd weeder in staat zouden zijn geraakt om hunne dienst waar te neemen: maar hoe door malkander aanbesteed en de penningen daar op verstrakt lange deese Directien nog van een tweeden oppermeester zal kunnen gaudeeren; is ten hoogsten onseker, dewijl eenige aan den Generaal Ragoen Paudat, Broeder van Hamia, onlangs gesondene, en door den oppermeester Iohan Matthias valck vervaardigde Medicamenten, zoo wel hebben behaagd, dat die generaal reeds heeft laate versoeken de persoon die deselven gecomponeerd had ten minste voor een tid lang bij zig te moogen hebben; op welk versoek, als mondeling gedaan zijnde wij als nog niet hebben geantwoord maar 't geen wij niet zullen kunnen ontseggen, bij aldien het selve herhaaldt wordt. De resteerende en quasie gesonde manschap van den Bodem Gieden, burg was zo zwak en afgemat, dat indien het schip het geluk niet had gehad van deese Rheede te bereiken, het zelve reddeloos zou hebben moeten drijven vermits de Equipagien niet meer in staad zou geweest zijn het schip te regeeren, of maar een anker voor de boeg te krijgen Deese droevige gesteldheid heeft ons genoodsaakt, teegens het besluijt gemen„ tieoneerd in het P: S: van onse eerbiedige laaste, 30 man van den Iongst van den Angria verlos te Manschappen, die wel uytgeverscht den angria op dien boodem geplaast waaren, op gem:e Bodem te plaatsen, alsoo wij in onse sessie van den 2:e Maij alle de deks officieren en gemeenen in den dienst van de EComp:e weeder hadden aangenoomen. Voorst heeft de Eerst geteekende aanstonds de ook gmatendan oo be og noodige verversingh en verschwaater naar boord gesonden, ook al 't restee„ rende waater doen uijtstorten en de leggers aan de wal doen brengen, om alle met versch waater gevuld te worden, dewijl het zeer presumtie is dat het slegte waater met veel haast op malacca en Cochim ontfangen, deese Contagieusen ziekten, bestaande volgens het zeggen der geneeskundigen, in een sedrbuticque waaterzugt, veroorsaakt heeft. Vermits de schipper ook daar van g'attacqueerd was is de schipper en gecouren onm he t schip te laate visi Equipagiem:r Ian warnar Falck naar boord gesonden om dien Bodem heeren.— te lossen en te laaden; Bij welke gelegendheid een geval is gebeurd, 't geen wij niet voorbij kunnen ter kennisse van uwe Hoog Ed:s te brengen, gem:t Equipa„ 10:e op den 11:e deeser eene gese orn mant an den Convoij van door gegsunden suijker, soo Poeder als Candij sonder Convooij naar de wal te laate gaan die in haare Passagie door de Cultanppoersen Rovers gerencontreerd, en na eenige het selven door de roovers defensie door hen genoomen en in hun nest gesleept is, niet teegenstaande den genoomen devoiren sanderen morgens aangewend omze te agterhaalen, gelijk uwe Hoog Edelheedens breedvoeriger gelieven te sien uijt het sub N:o 6. g'annexeerde berigt, 't geen meergem:te Equipagiemeester daar van aan den eerstget:e schriftelijk reeds geleeverd zijn. — lange 293
English
295. From Surat the 22nd of May Anno 1755: From Surat the 22nd of May Anno 1755: Seafaring. Drafted to the pen. which he has done in writing to the satisfaction of your Right Honourables. In order not to show any precipitation in a matter of that nature, we have not wished to impose upon him the compensation for this loss, but have rather left the same to the favorable decision of your Right Honourables, since it is indeed true that he has sinned against the fixed and permanent orders, according to which it is strictly forbidden to send any vessel from on board by night, just as he also promised in his aforesaid report never to do so again; but we must at the same time remark that the desire to unload the ship promptly, and consequently his zeal for the Honorable Company's service, undoubtedly caused him to commit this mistake, wherefore we also take the liberty to implore your Right Honourables' customary clemency in that case for him. High necessity of two more war galbats. We also make use of this opportunity to bring to your Right Honourables' attention the high necessity that exists to build two more war galbats like De Waaksaamheid for the protection of the Honorable Company's navigation and trade here. It frequently happens, namely, that unloading or loading takes place here in the roadstead while the Honorable Company's vessels are out either on convoy resulting from the expansion of trade or to fetch returns from the outer factories, which, with the further expansion of trade, necessarily becomes increasingly unavoidable. In such a case we do take care always to keep at least one well-armed vessel to cruise the roadstead by day and protect the lighters, just as in the aforesaid case the war galbat De Sultanpoerse Coelij served for that purpose, while the hoeker De Jonge Jacob, as said above, was on convoy to Sind, the smalschip Batavia lay at Ketsmandui, and De Jonge Susanna along with the two covered horries and the galbat De Waaksaamheid were on the expedition to Tamboeser. But the daily growing and increasingly insolent Sultanpur or Cooly pirates compel us to beseech your Right Honourables that we may be permitted to build two more large war galbats, since otherwise it will no longer be possible with the little force we have to ward off the mischief, considering they recently dared to attack the convoy returning from Tamboeser not far from the Surat roadstead; and engaged in action with one of the loaded Company's horries as well as with the war galbat De Waaksaamheid, but were forced to sheer off. It also came within a hair's breadth of them taking prisoner once again skipper Simon Root, who arrived here on the 17th of this month from the Angria, along with Lieutenant Olphert Elias, chief surgeon Johan Christiaan Braunen, and an orderly, because a Cooly galbat swarming with men chased the Sidi vessel in which the said liberated persons were sent hither from Danda Rajapoer right up to the roadstead; and these owed it solely to their fast-sailing vessel that they escaped the danger. State of affairs with the Angria. In what manner the affairs at Tooladjee Angria were situated at the time of the departure of the aforesaid four persons with relation to the Honorable Company, in that regard we respectfully refer to the two accompanying documents under No. 3. [illegible] surgeons have also died, and the chief surgeon is not yet entirely recovered, and moreover the lack of senior surgeons in this Directorship, under which we have long laboured, has compelled us to place the above-mentioned newly liberated from slavery chief surgeon Braunen of Mulhausen on the said vessel for assistance, but no further than to Malacca, having at the same time requested the administration there Liberated persons to go via Malacca to Batavia to send him, along with Cadet Samuel Constantijn Paffijn and the maimed boatswain's mate Jan Toonbergen, both of Amsterdam, with the very first opportunity to Batavia. Skipper Root, who has remained here, along with Lieutenants Holm and Elias, are to follow with the first ships in the coming month of December, and in conformity with our resolution of the 2nd of this month to come over at the disposal of your Right Honourables, as we have not dared to take it upon ourselves to reinstate those officers, like the deck officers and common crew, at their former pay. In the meantime, we have A liberated apprentice drafted to the pen subject to the favorable approval of your Right Honourables the also liberated apprentice Thomas Felix of Middelburg, since during his imprisonment with the Angria he has learned to speak and understand the heathen language fluently, the first undersigned having provided him with a master to teach him also to read and write that language, since here, which is no less accountable than it is to be lamented, among all European servants not one is found who can read and write the said language, while nevertheless in these conjunctures, wherein one seeks to expand the trade of the Honorable Company more and more, such subjects are most highly necessary, since otherwise one must always see through the eyes of the natives and speak through their mouths. If your Right Honourables would be pleased to grant us this recruit, Good disposition of the young man as we humbly request for that purpose, he will in the future be able to do very good service to the Honorable Company in these countries, not only regarding the heathen but also even the Persian and Moorish languages, since in that young man a particular disposition for the Oriental languages is perceived. Before we depart from this article, we must respectfully inform your Right Honourables Demand of the liberated Moors that besides the European
Dutch transcription
295. Van Souratta den 22:e Maij A:o 1755: Van Souratta den 22:e Maij Anno 1755: zeevaarende. de peune getrokken hoog Ed:s alt gelaakien van haare schriftelijk gedaan heeft. wij hebben om geene preciptantien in eene zaak van die natuur te betoonen, hem de vergoeding van dit verlies niet willen opleg„ gen, maar liever zulks ter favorable decisie van uwe Hoog Ed:s gelaaten aangesien het wel waar is dat hij teegens de vaste en permanente ordre gepecceerd heeft, volgens het welke strict verbooden is, bij nagt eenig vaartuijg van boord te senden, gelijk hij ook bij zijn voorsz: berigt beloofd zulks nooijt meer te zullen doen; maar wij moeten teffens remarqueeren, dat de begeerte om het schip spoedig te lossen, en bij gevolg zijn eijver voor 'sEComp:s dienst hem sonder twijffel deese misslag heeft doen begaan weshalven wij ook de vrijheid neemen uwer Hoog Edelheedens gewoone Goedertierend„ „heid in dat Cas voor hem te imploreeren oorcodschals heid van nog twen Wij bedienen ons ook van deese gelegendheid om uwe Hoog Ed:s de hooge noodsaakelijkheid onder 't oog te brengen, die er is om nog twee oorlogs galbets gelijk de waaksaamheid, tot beveiliging van sEComp=s vaart en Negocien alhier, aan te Timmeren, Het gebeurt namentlijk dikwijls, dat hier ter rheede gelost ofgeladen wordt, terwijl sEComp:s vaartuijgen, het zij resulteer cande uijt de uijtbreiding op Convoij uijt zijn, of om Retouren van de Buyjten- Comptoiren te haalen 't geen bij verdere uijtbreiding van den Handel noodwendig hoe langer hoe meer onvermijdelijk wordt, wij draagen wel zorge om in zodanig geval altoos ten minsten een wel gewaapend vaartuijg aante houden om de rheede overdag te bekruijssen en de losvaartuijgen te beveiligen gelijk ook in 't voorsz: geval de oorlogs Galbet de suttanpoerse Coelij tot dat gebruijk gedient heeft, terwijl de hoeker de Ionge Iacob gelyk booven gesegd is; op Convoij naar sindij was, het smalschip Batavia te Ketsmandui lag, en de Ionge Susanna beneevens de twee overdekte Horrijs en de Galbet de waaksaamheid op de Togt naar Tamboeser waaren: maar de da„ met vaakerin te moogen gelijks aangroeijende en stouter wordende sultanpoerse of koelijse roovers noodsaken ons uwe HoogEd:s te smeeken, dat ons gepermitteerd moge worden nog twee groote oorlogs Galbets aan te maaken, dewijl 't anders langer onmogelijk zal zijn met de weinige magt die wij hebben nge het ominjvan en de t ogegmuijg te keeren, angesen zij nag Jongts het van Tamboeser weederkeerend Convoij, niet verre van de souratse rheeden hebben durven aandoen; en met een der geladene Comp:s Hlorrijs, zoo wel als met de oorlogs Galbet de waaksaamheid slaags geweest, dog genoodsaakt g es wa d oneg de migengeworden zijn aftehouden, Het Heeft ook weinig gescheeld of zij zou„ den den op den 17:e deeser hier van den Angria g'arriveerden schipper Simon „ Root, benevens den Luijd:t olphert Elias, oppermeester Iohan Christiaan Brannen, en een oppasser, weeder opnieuw tot gevangen gemaakt hebben, vermits een koelijs Galbet, krielende van volk het Lidijs vaartuijg, waar meede gem:e verlosten van Denda Rajapoer herwaarts gesonden zijn, tot op de rheede heeft nagejaagd, en deese hebben het alleen aan hun welbezeild vaartuijg gesteldheid der zaaken bij te danken dat zij het gevaar ontsnapt zijn. Hoedanig de zaaken bij Tolaadje An„den Angria „gria ten tide van het vertrek der voorsz: vier persoonen, met relatien tot deE„ Comp:e gesteld waaren, daar omtrend refereeren wij ons eerbiediglijk aan de twee neevensgaande Documenten sub n:o 3. dat de voorsz: hier van alva ma te moeten ij van e e e ae e e e e e ete meester meede zijn overleeden, en de oppermeester nog niet 't eenemaal hersteld is, mitsg:s het gebrek van oudermeesters in deese Directien waar aan wij zedert lang laboreeren, ons genoodsaakt heeft, boovengenoemden nieuweling uijt de slavernij verlosten oppermeester Braunen van mulhausen opgem:e Bodem tot assistentien te plaatsen, dog niet verder als tot Malacca, hebbende wij te gelijk aan 't minis, verloste over malacanaar „terien aldaar versogt, denselven benevens den Cadet Samuel Constantijn Paffijn Batavia te gaan en den verminkten Bootsmansmaat Ian Toonbergen beide van Amsterdam, met de eerste occasie de beste, naar Batavia te zenden. De hier gebleeven schipper Root, mitsg:s de Luytenants Holm en Elias staan met de Eerste scheepen in de aan„ staande maand December te volgen, en Conform ons besluijt van den 2:e deeser ter dispositien van uwe Hoog Edelheedens over te koomen also wij niet op ons heb„ ben durven neemen, die officieren eeven als de Deksofficieren en Gemeenen, met hunnen voorige gagie te herstellen. Intusschen hebben wij den meede verlosten Hooploper Een verloste hooploopen aan Thomas Felix van middelburg ons gunstige approbatien van uwe Hoog Edelheedens aan de Penne getrokken, wijl deselve geduurende zyne gevan„ genis bij den Angria de Heidenschen Taal vaardig heeft leeren spreeken en verstaan, hebbende de eerstondergeteekende hem een meester besorgd, om die Taal ook te leeren leezen en schrijven vermits alhier 't geen niet minder te verantwoorden als te beklaagen is onder alle Europeesche Dienaaren niet een word gevonden die gen.:t taal kan leesen en schrijven, terwijl egter in deesen conjuncturen, daar men den handel van de EComp:e meer en meer soekt uijt te breiden, diergelijken subjecten ten hoogsten noodsaakelijk zijn dewijl men anders altoos door de ooge der Inlanders moet zien en door hunne mondspreeken. Indien uwen Hoog Edelens was ons deesen aanque,„ goede distposite kooptgeling keling gelieven te accordeeren, gelijk wij daarom nedrig versoeken, zal deselve in't vervolg de EComp:e seer goede diensten in deese landen kunnen doen, niet alleen omtrend de Heidensche maar ook zelfs de persiaanschen en moorse Taalen vermits bij dien Jongeling eene bysondere dispositien tot de oosterse Taalen bespeurd wordt Eer wij van dit articul afstappen moeten wij uwe Hoog Edelheedens Eysch der verloste moorschen in eerbied berigten dat benevens de Europeesc
English
their servants, also 17 Moorish seafarers have been liberated from the Angria, being the remnant of those who were on the ships Wimmenum and De Vreede. These people demand not only their accrued wages up to the day they returned to Souratta, but the widows of the killed and deceased claim the same benefit. And because this case is without precedent, we also request Your Right Honourables' esteemed orders concerning this, as we are harassed about it almost daily, and the lodge is constantly surrounded by women and children who raise a fearful clamor, so that one can hardly go outside the gate without being surrounded and detained by a mob of rabble. Concerning the delivered cargo of the ship Giedenburg, the findings thereof are attached hereto in copy under No. 9, with an annexed report regarding the condition of the Eaglewood. We have disposed of the underweights pursuant to the orders and the latest regulations; but since Eaglewood is not found in the latter, we thought, in order to make no error in validation, to leave this item to Your Right Honourables' disposal, and in the meantime charge the ship's officers on account for all the shortfall of the 4 sorts. The condition of the canasters is, just as in the previous year, so poor that we had to employ 1100 bags to bring the most defective to shore, as one could hardly stir them without causing them to break, which caused considerable spillage. The purchase price of sugar has increased instead of decreasing, namely that of powder sugar by 14 stivers and that of candy by 7½ stivers per 100 lb; but these prices, however exorbitant they may be, do not compare to those of the elephant tusks, which are charged to us for an unheard-of price of ƒ 231: 13: per one hundred pounds, and thus more than ƒ 100:- more expensive than those sent to us from Malacca, from where we also received tin and benzoin, as well as some quicksilver and areca from Cochim. The shortage of time, and the multitude of sugar recently brought from Bengal, which all still lies unsold, is the reason that the merchants have to date offered us no acceptable prices for any of it, to which the high purchase cost and the poor quality of the Cochin-Chinese goods contribute very much, so that to our regret we have been obliged to await more favorable times. In the meantime, we have discharged in the aforementioned vessel 25 lasts of the best white wheat for Malacca and 795 bales of cotton, weighing 280677 lb, at 130 rupees or ƒ 195:— per Souratta candy, to be taken to China. Before we conclude this, we find ourselves obliged to mention further that the Malacca administration has sent to us on the ship Giesenburg the assistant Nicolaas Hermanus de Windt to be employed here. Wherewith we wish this vessel a speedy and prosperous voyage; and furthermore, commending all the master's interests together with the precious persons of Your Right Honourables to the merciful protection of the Almighty, we have the honor to remain, with all conceivable respect and deep reverence, High Noble Great Honorable Wide-Ruling Lord and Well-Noble Lords, Your Right Honourables' humble and dutiful servants, Was signed: J:n De Roth, J:n Drabbe, J:n A:n Sweers de Landas, D: Kellij, Otto Hend:k Ruperti, and R:s van Ebbenhorst. In the margin: Souratta, the 22nd of May Anno 1755.
Dutch transcription
hen Dienaaren, ook 17 moorschen Zeevarende van den Angria verlost zijn, zijnde het overschot van de geene die vermits ƒ F H E - zig 297. Van Souratta den 22 Meij Anno 1753 Van Souratta den 22:e Maij A:o 1755. Excrbitante prijsen der koop„ manschappen. zig op de scheepen wimmenum en de vreede bevonden. Deese menschen eijsschen niet alleen hunne te goed hebbende gagie tot den dag dat zij weeder in sourat„ „ta zijn gekomen, maar de weduwen der gesneuvelden en overledene pretendeeren het selve beneficie: En dewijl dit geval sonder voorbeeld is, ook versoeken wij uwer Hoog Ed:s g'eerde ordres daar omtrend, alsoo wij genoegsaam dage„ „lijks daarom lastig worden gevallen en de logie bestendig van wijven en kinderen omringd is, die een vervaarlijk geschreuw maaken, zo dat men bij na niet buyten de poort kan gaan, zonder van eenen partij graauw omringd en opgehouden vn alt: elende badng 'Aangaande de uitgeleverde lading van 't schip Giedenburg, daar van gaat de bevinding in Copia hier neevens onder N:o 9. met een g'annexeer„ de berigt noopens de gesteldheid van 't Agulhout. wij hebben omtrend de onderwigten gedisponeerd ingevolge de ordres en het Jongste reglement; maar vermits het agulhout bij dit laaste niet word gevonden, hebben, wij om geen misslag te begaan in't valideeren, gemeend dit articul aan uwer hout zij de overheeden de last Hoog Edelheedens dispositien te moeten overlaaten, en intusschen de scheeps overhee„ den voor al het te kort komende van de 4 soorten op reekening te belaste. De gesteldheid der Cannassersis, eeven als in't voorleeden Iaar, zoo slegt, dat wij 1100 zakken hebben moeten emploijeeren om de gebrekkigste aan de wal te brengen, kunnende men deselve nauwlijks verroeren zonder ze te doen breeken;, 't welk eene Considerable spillagien veroorsaakt. de inkoops prijs der suijker is vermeerderd in steede van te verminderen, te weeten die van de Poeder, met 14 sb:s en die van de Candij met 7½ st:s de 100 lb dog deese prijsen hoe exobitant deselve ook sijn, koomen niet in vergelijking met die der Elephants sanden die ons voor een nooijt gehoorde prijs van ƒ231: 13: het Cento ponden worden aangereekend, en dus ruijm ƒ100:- duurder als die ons van Malacca geson„ den sijn, van waar wij ook Thin en Benzuin mitsg:s van Cochim eenig quik silver en arreek ontfangen hebben. De kortheid des teijds, en de menigte suyker Jongst van Bengalen aangebragt die alle nog onverkogt legt, is oorsaak dat de kooplieden ons tot heeden geene aanneemelijke prijsen voor het een en ander gebooden hebben, waar toe de duure inkoop en de slegt„ „tonde ven Crlas deen met Catheid der Cochim Chinaase goederen zeel veel Contribueeren dus wij totons leetweesen genoodsaakt sijn geweest favorabel der tijden af te wagten. onder„ „tusschen hebben wij in gem:te Bodem weeder afgelaaden 25 lasten beste witte Tarwe voor Malacca en 795 balen Cattoe, weegende 280677: lb, teegens rop:s 130: - of ƒ 195:— de souratse Candijl, voor China te worden. — Alvoorens wij deese eindige, vinden wij ons verpligt nog te mel„ den dat het Malax ministerien ons met 't schip Giesenburg toege„ herwaarts gepan malacca sonden heeft den assistent Nicolaas Hermanus de windt om al„ hier g'emploijeert te werden. — Waar meede wij deese boodem een spoedige en rampvrije reize toewenschen; en voorts alle smeesters belangen benevens de dier„ baare Persoonen van uwe Hoog Edelheedens in de goedertierende be„ scherming des almogende beveelen de hebben wij de Eere met alle bedenkelijken Eerbied en diep ontsag te blijven /onderstond:/ Hoog Edel Groot Agtbaar wijdgebiedend Heer en welEdele Heeren /Lager:/ Uwer Hoog Edelheedens onderdanige en Trouwschuldigen Dienaaren /:was geteekend:/ I:n De Roth J:n Drabbe, I:n A:n Sweers de Landas, D: Kellij - - - - - - - _ O„to Hend:k Ruperti en R„s van Ebbenhorst /:in margine :/ Souratta den 22: Meij Anno 1755. Alvoorens E Translaat
English
299 From Souratta, the 22nd of May, Anno 1755. Translation of a heathen letter written by Tollaadje Angria to His Right Honourable, the Most Noble, Highly Esteemed, Far-Ruling Lord Jacob Mossel, Governor-General of the Netherlands Indies, dated the 28th of April, Anno 1755. After the honorific titles: Having conveyed my polite greetings, and being myself in good health, it is my hope that this letter will enjoy the honour of finding Your Right Honourability in that same desired state, as nothing would be more pleasant to me than to hear of it, and I would find myself no greater honoured than by some of Your Right Honourability's kind letters. I have granted dismissal to the ship friends; I hope that God has brought them safely to the place of their desire, and I have no doubt that this will have already reached the ears of Your Right Honourability. The captain and three other persons who remained here have likewise obtained their dismissal, and are departing by this conveyance in order to be taken into the service of Your Right Honourability again. I have set forth everything to the said captain, who will give Your Right Honourability a verbal account thereof, since I have taken into consideration a good friendship, and I wish that what the aforementioned gentleman shall propose to Your Right Honourability may be of good effect. Your Right Honourability, having duly considered all of this, will please honour me with his reply, so that I may regulate myself accordingly. Below stood: For the translation in accordance with the statement of the Honourable Company's native warehouse clerk, Cassiran. Was signed: P:r F:n Wenkink, provisionally first sworn clerk. Below stood: Agreed. Signed: B. B. Wenkink, provisionally first sworn clerk. Captain Simon Roodt relates that upon his departure from Inserok, Tollaadjie Angria himself declared to him and Lieutenant Elias that he wished to surrender entirely to the Company with all that he possessed, and for the security thereof to hand over to them a certain castle situated on the waterfront below Inserok, or such other place as the Company itself should wish to choose, to deal therewith as their own. When the said captain subsequently arrived with his company at Rettingerij, a strong sea stronghold of the Angria, he found there the supreme commander or general of the land and sea forces named Roederajie De Loop, who asked him whether the king had made peace with the Company. To which he replied that he did not know in what state affairs stood in that regard, since no disclosure of the negotiations had been made to him. The said general inquired further whether the king had not told him anything. To which he answered in the affirmative, and subsequently related everything stated above to the general. The latter, having listened to this attentively, said: you know how fickle and changeable the king is, wanting one thing today and another tomorrow; but assuming that he should later wish to deviate again from the intention which he has declared to you, or retract his word, then I promise and swear to you that I shall carry it into execution, whether it pleases him or displeases him, as I hold the power thereto in my hands, and you may freely assure your Master of this. Was signed: S:n Root and O:t Elias. Below stood: Agreed. Was signed: P:r F:s Wenkink, provisionally first sworn clerk. From Souratta, under date the 22nd of May, Anno 1755. Captain Batavia From Souratta, the 22nd of May, Anno 1755. Batavia To His Right Honourability, The Most Noble, Highly Esteemed, Far-Ruling Lord Jacob Mossel, Governor-General, together with The Right Honourable Lords Councillors of the Netherlands Indies. Most Noble, Highly Esteemed, Far-Ruling Lord, Right Honourable Lords: This evening around 10 o'clock, two deserters were brought before us, namely Corporal Arend Weijnman from Oostgravendijk and soldier Fredrik Cornelis Munnik from Hamburg, who have already been gone for five days; and since the officers of the ship Giesenburg have received their dispatches today, and we having no jurisdiction here, we are sending them to the Batavia headquarters for the disposal of Your Right Honourabilities. Wherewith we remain with the utmost respect, Below stood: Most Noble, Highly Esteemed, Far-Ruling Lord and Right Honourable Lords. Lower: Your Right Honourabilities' humble and faithful servants. Was signed: F. de Roth, F:n A:n Sweers de Landas, D. Kellij, R:s van Ebbenhorst. In margin: Souratta, the 22nd of May, Anno 1755. For collation: J. Lelman Gamron Anno 1755 Collated by the ordinary clerk Thomas Storm. A Gamron Anno 1755 Collated by the ordinary clerk Thomas Storm. A Souratta, received per Nieuw Nieuwerkerk The 12th of July per the three The 26th of November Received per Pasgeld Anno 1735 Letter written by the Resident to Their Right Honourabilities, dated The 20th of February via Souratta, received per Maninbosck. The 21st of February, received per De Getrouwigheijd. Letter from and to as above, dated the 24th of November 1754, page 7 Ditto from and to as before, dated the 31st of March 1755, page 12 The 27th of June via from and to as before, dated the 20th of December 1754, page 20 Letter Papegaijen, received List of the ships and vessels that have been at Gamron, page 65 Letter from and to as aforesaid, of the 20th of December Anno Register of papers, page 21 Register of papers, page 5 the 10th of September 1754, page 1 Letter From and to as above, dated the 24th of July 1757, page 68 Gamron and successively received, from: Register of such papers as written herein Page received. 1754, page 66 Folio F. T: S: Batavia To His Right Honourability, The Most Noble, Severe, Highly Esteemed Lord, Jacob Mossel, Governor-General, together with The Right Honourable Lords Councillors of the Netherlands Indies. Most Noble, Severe, Highly Esteemed, Far-Ruling Lord, and Right Honourable Lords! Although but few hours of time are left to me From Gamron, the 18th of September, Anno 1754 1
Dutch transcription
299 Van Souratta den 22:e Maij Anno 1755. Translaat Heidensche Missive door Tollaadje Angria gesz: aan zijn Hoog Ed:t den Hoog Edele groot agtb: wijdgebienden Heere Iacob Mossel Gouverneur Generaal van Nederlands India in dato 28:e April A:o 1755. Na de Eertitulen Na mijn beleefde groetenis afgelegt te hebben en ik in goede gezond„ „heid zeijnde, zoo is mijn hoope dat deese de Eer zal genieten van uw Hoog Edelheid in die gewenschte staat aan te treffen, terwijl mijn niets aange„ „namer zal zijn als dat te verneemen en ik mijn niet grooter vereert zal vinden als met eenige uwer Hoog Ed:s vrindelijken letteren. De scheeps vrinden zijn door mijn haar afscheid gegeeven, Ik hoop dat God haar behouden ter plaatsen haarer begeerte zal hebben gebragt, en ik twijffel niet of zulx zal reeds ter ooren van uw Hoog Edelheid gekoo„ „men zijn, de schipper en nog 3 persoonen die alhier gebleeven zijn, hebben almeede haar afscheid erlangd en gaan per deesen over om weeder in dienst van uw Hoog Edelheid aangenoomen te werden. — Gem:e schipper heb ik alles voortgedraagen die uw Hoog Ed:s daar mondeling verslag van zal doen wijl ik in Consideratien nam een goede vriendschap en wensch, dat het geene, evengem:e Heer ui Hoog Edelheid zal proponeeren, van goed effect mag zijn. — Uw Hoog Edelheid dit alles wel overwoogende hebbende, sal mij met desselfs antwoord gelieven te Honoreeren, op dat ik mij daar na reguleeren kan /onderstond:/ voor de Translatie na„ volgens opgaven van sEComp:s Inlands Pakhuijs schrijver Cassiran /was get:/ P:r F:n wenkink p:l E: G: Clercq. /onderstond:/ Accordeerd /geteek:/ B„ B Wenkink p:l E: G: Clercq Schipper Simon : Roodt verhaaldt dat bij zijn vertrek van Inserok, Tollaadjie Angria zelve aan hem en den Luijtenant Elias verklaard, heeft, dat hij zig 't eenemaal aan de Comp:e wilde overgeven, met al 't geen hij bezat, en tot verzeekerdheid van dien aan haar in ruijmen zeeker Casteel leggende aan de waaterkand beneeden Inserok of zo„ danige andere plaats als de Comp:e zelve zou willen verkiesen om daar meede te handelen als naar eijgen. Wanneer gem:e schip„ „per naderhand met zijn geselschap op Rettingerij een sterken zee plaats van den Angria kwam vond hij aldaar den opperste Bevelhebber of Generaal van de Landen zee magt genaamd Roederajie De loop die hem Vroeg of de kooning vreede met de Comp:e gemaakt hadde! waar op hij antwoorden niet te weeten op wat wijsen de saaken daar omtrend stonden vermits hem geene opening van de onderhandeling gedaan was, vragende gem:e Generaal al verder, of de koning hem dan niets gezegd hadden! 't welk hij niet ja beantwoorden, en vervolgens al 't boovenstaan„ „de aan den Generaal verhaalde. Deeze zulks met attentien aan„ gehoord hebbende, zeide gijlieden weet hoe wispeltuurig en veranderlijk de koning is, willenden heeden eene zaak, en morgen eene andere, maar gesteld dat hij van het voorneemen 't geen hij u verklaard heeft in't vervolg weeder wilde afwijken, of zijn woord retracteeren dan beloove en zweere ik uw dat ik het zal werkstellig maaken, het zij hem lief of leed, hebbende ik daar toe= =de magt in handen en gylieden kundt zulks vrijelijk aan uwen Meester verzeekeren. /was geteekend:/ S:n Root en O:t Elias /:onderstond:/ Accordeert /was get:/ P:r F:s Wenkink p:l Eerste Gesw: Clercq Van Souratta onder dato 22:e Maij A:o 1755. Schipper Batavia Van Souratta den 22:e Meij A:o 1755. Batavia Aan zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edele groot Agtb: wydgebiedende Heeren Jacob Mossel Gouverneur Generaal De welEdele Heeren Raaden van Nederlands India benevens Hoog Edel Groot Agtbaar Wijd gebiedend Heer WelEdele Heeren Heeden avond teegens 10 uuren wierden ons opgebragt twee drossers, namentlijk den Corporaal Arend weijnman van oostgravendijk en soldaat Fredrik Cornelis Munnik van Hamburg, die bereets vijff daagen zyn weg geweest en ver„ mits de overheeden van't schip Giesenburg heede haare depechen erlangt, en wij alhier geen Iurisdictien hebbende, zo zenden wij deselve naar de Bataviaasche Hoofdplaats, ter dispositien uwer Hoog Edelheedens. Waar meede wij met het uijterste ontsag verblijven /onderstond Hoog Edel Groot Agtb: wijdgebiedend Heer en wel Edele Heeren /Lager:/ Uw Hoog Edelheedens onderdanige en Trouwschuldige Dienaaren /was get:/ F: de Roth. - - - - - . . F:n A:n Sweers de Landas D: Kellij R:s van Ebbenhorst /:in margine/ Souratta den 22:e Maij A:o 1755. Voor de Collatie i Lelman amron Anno 1755 door den ordinair Clercq Thomas Storm gecollationeert. A amron Anno 1755 door den ordinair Clercq Thomas Storm geg e gecollationeert. A Souratta per Nieuw Nieuwerkerk ontfangen Den 12e: Julij Per de drie Den 26:' November Per Pasgeld ontfan„ Anno 1735 Missive door den Resident aan Haar Hoog Edelens gesz: in dato Den 20e: Februarij over Souratta per Manin„ „bosck ontfangen. Den 21:' Februarij Per„ De getrouwigheijd ontfan„ „gen. Missive Vanen aan als even gedateerd 24:' November 1754 - - - - „ 7 _=o van en aan als voren gedateed 31:' Maart 1755 — — — - - „ 12 Den 27:' Iunij over van en aan als vorn gedateert 20:' December 1754 — - - - „ 20 Missive Papegaijen ontfangen van de te gamron aangeweest sijnde scheepen en vaar„ Lijst „tuijgen — — — — — — - - - - „ 65 van en aan als voormeld van den 20„' December Anno Missive Register der Papieren — — - - - - - - - - - „ 21 Register der Papieren — — — — - - - - - - - „ 5 10:' September 1754 — — — — — — — — — „ 1 Missive Van en aan als boven gedateert 24:' Julij 1757 . — „ 68 Samron en successive ontfangen zijn, van: Register van soedanige Papieren als in deesen geschreeven Pag: „gen. 1754 — — — — — — — — — — „ 66 F„o F. T: S: Satravia Aan zijn Hoog Edelheid, Den Hoog Edelen Gestrengen Groot Agtbaren Heere, Jacob Mossel. Gouverneur Benevens De Wel Edele Heeren Raden Van Nederlands Jndia. Generaal Hoog Edele, gestren„ „ge, groot agtbare wijd gebiedende Hee¬ „ve, en wel Edele Hee, Alhoewel mij maer wijnig uwren tijd orvng Van Jamron Den 18„e September A„o 1754 zijn 1 „ren!
English
Folio 1. To Batavia 1 To His High Excellency, The High Noble, Valiant, Right Honourable Lord, Jacob Mossel, Governor General, Together with The Noble Lords Councilors of Netherlands India. High Noble, Valiant, Right Honourable, Far-commanding Lord, and Noble Lords! Although I have but a few hours of time From Gamron, 18 September, Anno 1754. Folio 1. To Batavia 1 To His High Excellency, The High Noble, Valiant, Right Honourable Lord, Jacob Mossel, Governor General, Together with The Noble Lords Councilors of Netherlands India. High Noble, Valiant, Right Honourable, Far-commanding Lord, and Noble Lords! Although I have but a few hours of time From Gamron, 18 September, Anno 1754. Folio 3. From Gamron, 18 September, Anno 1754, I nevertheless avail myself of the opportunity via Surat which is afforded to me by an English brigantine, both to offer Your High Excellencies the duplicate of my latest letter, as well as to report to you cursorily, yet briefly, that all three ships are still being detained at Kharg, where The Noble Mr. van Kniphausen, after much struggle, has finally raised the outer walls of a certain building or so-called stronghold provisionally out of clay and fieldstones, while the Basra affair still remains unsettled, although the aforementioned His Honour informed me a few days ago that he had agreed with the Moorish merchant Chelebi, whose two ships happen to be detained at Kharg, and some delegates of the merchants of Basra, to be satisfied with the restitution of the extorted funds, half in cash and half in dates, of which the ratification now seems to depend solely on the Baghdad Government. Here at the office, the trade books In the meantime, I take the liberty to let this be accompanied by two respectful petitions, Regarding incoming Company ships we have heard nothing for the period of a year, and for the dispatch of the returns on hand, which consist of 60000 lb of old copperware, 20000 lb of sulphur earth, 6000 lb of Kerman wool, a good quantity of asafoetida, and some trifles besides the cash, we have also had no opportunity since the departure of Hartekamp, but I hope that I shall be able to relieve myself thereof shortly by one of the ships from Kharg. of the financial year just passed have been closed with a surplus profit of ƒ 117652:7:—. Against which the expenses amount to ƒ 27789:12:—. Thus more profits than expenses ƒ 89862:15:—. Everything here for the present still being [illegible], but in the upper lands uncommonly turbulent, whereby trade has been at a standstill for some months. From Gamron, 18 September, Anno 1754. Folio 5. From Gamron, 18 September, Anno 1754. From Gamron, 24 November, Anno 1754. the one from me for my discharge, and the other from the Bookkeeper Anthonij van der Wall for the rank of Junior Merchant and the appointment as second of this residency, on both of which I most urgently request Your High Excellencies to cast a favorable reflection, since van der Wall is a person who well merits the favor of Your High Excellencies, and I, through my twenty years' stay in Persia, and fully two-thirds of that time in this deadly Gamron, have become very weak in sight and bodily strength, and shall value that favor much higher than any further advancement in this Gulf. In longing for which, concluding this, I remain with the utmost high esteem in respect, was undersigned: High Noble, Valiant, Right Honourable, Far-commanding Lord and Noble Lords, lower: Your High Excellencies' very humble and much obliged servant, was signed: Petrus van Schoonderwoert, in margin: Gamron, 18 September, Anno 1754. Number 1. An original missive of today's date charted in all respect by the Resident Jacob van Schoonderwoert to those mentioned in the head of this. Number 2. A duplicate missive dated 18 September last. Register of all dispatched letters and further papers as sent today per the ship De Getrouwigheid, consigned to His High Excellency the High Noble, Valiant, Right Honourable Lord, Jacob Mossel, Governor General, Together with The Noble Lords Councilors of Netherlands India. Register Folio 7. From Gamron, 24 November, Anno 1754 and to the same as above. Number 3. A copy expense account of the expenses incurred for the bearer of this, both before its departure to and return from Kharg, dated today. Number 4. An original invoice and bill of lading of the cargo loaded into the bearer of this, dated as above, in a separate envelope. Number 4. An envelope with samples of English broadcloth with their prices. Number 5. An original requisition of such merchandise and further requirements as are requested in all humility for the year 1755 for this office, dated today. Number 6. A packet of pay papers. Gamron, 24 November, Anno 1754. Was signed: Stevanus Annot. Batavia. The timely return from Kharg of the bearer of this, mentioned in the margin, on the 17th of this current month, per the ship De Getrouwigheid. High Noble, Valiant, Right Honourable, Far-commanding Lord and Noble Lords. Jacob Mossel, Governor General, together with the Noble Lords Councilors of Netherlands India, Batavia. To His High Excellency the High Noble, Valiant, Right Honourable Lord! From Gamron, 24 November, Anno 1754. gives
Dutch transcription
F„o I. T:S: Satravia 1 Aan zijn Hoog Edelheid, Den Hoog Edelen Gestrengen Groot Agtbaren Heere, Jacob Mossel Gouverneur Benevens De Wel Edele Heeren Raden Van Nederlands Jndia. Generaal Hoog Edele gestren„ „ge, groot agtbare wijd gebiedende Hee„ „ve, en wel Edele Hee, „ren! Alhoewel mij maer wijnig uren tijd oeng Van Jamron Den 18„e September A„o 1754. zijn F„ I: T:S: Satravia 1 Aan zijn Hoog Edelheid, Den Hoog Edelen Gestrengen Groot Agtbaren Heere, Jacob Mossel. Gouverneur Generaal Benevens De Wel Edele Heeren Raden Van Nederlands Jndia. Hoog Edele gestren„ „ge, groot agtbare wijd gebiedende Hee¬ „ve, en wel Edele Hee, „ren! Alhoewel mij maer wijnig uren tijdoreng Van Samron Den 18„en September A„o 1754 zijn G ƒ F„o 3. Van Samron Den 18„e September A„o 1754 zijn, zo bediene ik mij egter van de gelegentheijd over souratta die mij per Een Eugelse brigantijn aen handen gegeven word zo om uw hoog Edelhedens het dupli„ „caat van mijne Iongste letteren aentebieden, als om dezelve praalsabel, dog in't korte te berigten, dat alle drie de scheepen nog tot ghareek ogehouden worden, al„ „waar D E, van Kniphausen, na lang sukkelen, Eijndelijk de buijten muuren Van Veeker gebouw off zo genaemde sterkte bij Provisie van kleij en Lant„ „steenen, opgehaalt heeft tewijl de Bas„ „sourase affaire nog onafgedaen blijft, hoe Wel gem:e zijn E: mij voorwijnig daegen berigt heeft dat met den moorsch Coopman Tjelebie„ wiens beijde scheepen toevalliglijk tot ghareek aangehouden zijn, en Eenige afge„ „zondene Cooplieden van Bassoura overeen„ gekomen was, zig te vreeden te zullen houden met de rettetutie van de afge„ „dwongene penningen half in contant £ „ en half in Tammer, waer van de ratifi„ „catie nu alleene van 't Bagdaadse Gouvernement schijnd aftehangen. Hier ten Comptoir zijn de Negotie Boeken Ondertusschen neeme ik de Vrijheijd dese te laeten vervellen van twee Eerbiedige supplicquin„ Van Jnkomende 's Comp:s Scheepen hebben sederd een Jaer tijdf niets verno„ „men, en tot versending van de aenhanden hebbende retouren, die in 60000: lb oude koperwerken, 20'0'000: lb Zwavel aerde, 6000: lb kirmanse Woll, Een goede Quan„ „titeyjt affafredida en Eenige klenigheden buijten de Contanten bestaan, ook sedert het vertrek van Hartekamp geen occasie gehad, dog hoope dat ik mij p„r Een van de scheepen van Ghareek binnen korte daer van zal konnen verlogten. — van het even gepasseerde boek Jaer geslooten met een over„ „Winst van - - - - - ƒ117652: 7:—. Waer tegen de Lasten bedragen „ 27789:12:—. hebben r„ Dus meerder Winsten als Lasten ƒ 89862: 15:—. zijnde voor 't aenge tot nog toe hier alles in utt„ maar in de bovenlanden ongemeen truwel, Waer door de Negotie sederd Eenige maan„ „den stil gestaan heeft. — Van Samron Den 10„en September A„o 1754 Van het F F„o 5. Van Camron Den 18:' September A„o 1754 Van Chamron Den 24„' November A„o 1754. het ééne van mij om mijn ontslag, en het andere van den Boekhouder Anthonij Van der Wall om de Qualiteijt van onderkoopman en bedoe„ „ring van secunde dezer residentie, op welke beijde ik UW. hoog Edelheedens op 't aller Jnstantigst verzoeke dat een gunstige reflectie geslagen mag worden, alzo van der wall een perzoon of die de gunste van uw Hoog Edelheedens wel komt te meniteeren, en ik door mijn twintig faenij Verblijf in Persia, en wel twee derde van die tijd in dit dodelijke gamron, zeer zwak van gezigt en Lighaams kragten geworden bin„ zullende dat faveur veel hooger schat„ „ten als Eenig verder advancement in dese . Golf F In Verlange na 't welke deese besluijten „de, met d' uijterste hoog agting in Eerbied ver„ „blijve /:onderstond:/ Hoog Edele gestrenge, groot agtbaere, wijd gebiedende Heere in wel Edele Heeren /:Lager:/ uw Hoog Edelheedens zeer onderdaningen en veel verpligten Dienaar /:was getekent:/ P„s V„n Schoonderwoert /:in margin:/ Gamron Den 10„en September Anno 1754: — N„o 1. Een Onigineele missive van heargen datum door den Heer Resident Iacob Van Schoon„ „derwoert aan als in den Hoofde deses gemeld in alle Eerbied gecarteerd. „ 2: Een Duprlicaat missive in dato 10:' September Jongst leden van Register Van alle versanige Brieven en Verdere Papieren als op Heden per 't schip De ge„ „trouwigheid versonden worden geconsigneerd Aan zijn Hoog Edelheid den Hoog Edelen gestrengen Groot agtbaeren Heere. Jacob Mossel Generaal Gouverneur Benevens De wel Edelen Heeren Raden van Nederlands dE Register India. Register en F„o 7. Van Gamron Den 24„' November A„o 1754 en aan als even N„o 3. Een Copia onkost Rekening van 't bekostig„ „de aan brenger deses, zoo voor desselfs Vertrek naar, als te rug kimst van Ghareek dato hodie „ 4. Een Origineele Factuur en Cognoissement Van 't geladene in brenger de„ „ses datum als Nven, in een apart covert. N„a 4: Een Convert met staalen Engelse Lakenen met dies prijsen. „ 5. Een Origineele Eijsch van Sodanige Coop„ „manschappen en verdere beno„ „digtheden als er voor den Iaere 1755. Voor dit Comptoir en alle on„ „derdanigheid gerequireerd Wer„ „den gedateerd hodie. „ 6. Een Pacquet Soldij Papieren eamron Den 24„e November Anno 1754. /:was getekend:/ Stevanus Annot:— Batavia De Eedige te rug komst van Ghareek van brenger deses, in margine gemeld, op den 17„e deser lopende maand, P„r 't Schip Juy De Getrouwig Hoog Edele, Ge„ „strenge, Groot Agtbare, wijdge„ „biedende Heere en Wel Edele Heeren. Jacob Mossel Gouverneur Generaal enevens De wel Edele Heeren Raden van Nederlands India Batavia Aan zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edelen Gestrengen Groot Agtbaeren Heere! Van Samron Den 24:' November A„o 1754 geefd „Beele
English
Folio 9 From Gamron, the 24th of November, Anno 1754 From Gamron, the 24th of November, Anno 1754 gives me the opportunity both to present hereby to Your Right Noblenesses the duplicate of my letter dated the 18th of September last, sent via the route of Surat, and to make known the arrival of the ships De Drie Papegaaien and Pasgeld, the former on the 26th of September last and the latter on the 16th of October following, together with the receipt of your esteemed letters dated the 20th of July of this year. The Pasgeld having departed upriver five days after its arrival, and De Drie Papegaaien being scheduled to follow it in the beginning of the coming month of December via Surat, with my formal reply and the copperware already laden; asafoetida, madder, sulfur, etc., as well as, I hope, with the remainder of the wool still expected daily. Having this vessel the [illegible] already in stock. For the rest, due to pressing business, I cannot report much else to Your Right Noblenesses on this occasion, except that through the invasion of the Candahar Afghans into Khorasan with a considerable army of 100,000 combatants, trade has stood still for a considerable time, which now, however, again gives an appearance of reviving, seeing that And also furnished to the same, pursuant to the written request of the officers, from the small stock, such provisions and necessities as they declared and properly required in the highest degree for the voyage, and which could not be obtained at Kharg, on account of the residents having retired hither from there, amounting altogether, according to the accompanying expense account, to a sum of ƒ 718:14:— having had [illegible] homeland returns entered, in case it should meet another repatriating ship. placed named ƒ Page 11. From Gamron, the 24th of November, Anno 1754 Gamron, the 24th of November, Anno 1754 From Remainder under the ultimate of August last with the addition of the Papegaaien and the demand [illegible]. the said nation has used no violence toward the merchants, and also has settled the aforementioned province, and furthermore has good prospects for conquering the entire Persian Empire, which is to be wished for its tranquility. While herewith is also enclosed my formal demand for the year 1755, regarding which I request that favorable reflection may be given. The merchandise demanded therein consisting of: New 6000 lb cloves 10015 lb 50000 lb 150000 bar tin 100000 100000 pepper 60000 65065 1/2 lb tin 60000 lead 10926 lb spelter 25000 2000 turmeric 6920 lb 20 lb musk 20 lb 10 chests gumlac on sticks 5 chests 16 ordinary white benzoin canasters powdered sugar 1372 canasters 12 to 1400 500 packs 500 lb packing yarn. Woolen manufactures 40 pieces broadcloth begras 50 pieces broadcloth mahut bujaki 9 18 pieces broadcloth andassi The cargo in the bearer of this is the following, namely: 6369 lb Kerman wool 173 lb gum sarcocolla 36 Kerman buck and goat skins together according to the accompanying invoice to the amount of ƒ 15457:13:— Wherewith the same a prosperous voyage 500 pieces enamel bowls and plates 161 10000 pieces blue coffee cups with gold rims and flowers, white inside 1129 ƒ Furthermore 24 soldiers, together with such provisions and necessities as the aforementioned demand dictates. 24 New Remainders with the addition of what De Drie Papegaaien has brought. 10 pieces broadcloth 500 pieces berkan 289 Liège sayettes 100 imperials 100 crown rashes 100 linens 2 packs book percale chaloe 2 pieces ditto intercepted 5 ditto large logies 40 ditto small 562 ditto printed chintz botidar 3 ditto 2 ditto 106 ditto muramath 2 ditto 9 468 ambersia 2 ditto 500 8 painted Sadraspatnam 5000 pieces long Bengal gunnies 5000 porcelains 40 pieces 21 10 pieces [illegible] 86 150 78 Folio 13. From Gamron, the 24th of November, Anno 1754 From Gamron, the 3rd of March, Anno 1757 is wished by him who takes the honor of calling himself with the utmost high esteem, [below stood:] Right Noble, Rigorous, Highly Esteemed, Far-Commanding Lord, and Well-Born Gentlemen! [lower:] Your Right Noblenesses' very humble and much obliged servant, [was signed:] Jacob van Schoonderwoert. [in the margin:] Gamron, the 24th of November, Anno 1754. Batavia To His Right Nobleness The Right Noble, Rigorous, Highly Esteemed Lord Jacob Mossel Governor-General together with The Well-Born Gentlemen Councillors of the Netherlands Indies Right Noble, Rigorous, Highly Esteemed, Far-Commanding Lord, and Well-Born Gentlemen! On this occasion I have also received the two sealed packets and their High Esteemed circular missives. Since then, on the 22nd of the recently passed month of February, the bark 'T Loo has arrived here from Coromandel via Cochin, with 103 packs of Coast and 3 packs of Malabar linens, together with 3750 pounds of turmeric and 3750 pounds of dried ginger, all consigned to me to the amount, according to two separate invoices, of ƒ 17632:10:5 and ƒ 49687:19:8. But from that vessel I have only unladen the turmeric and ginger with 22 packs of Coast linens, namely those that were designated for Persia, and the remainder intended for Basra, with the Malabar packs, as well as the pepper, I forwarded on the 5th of this month to Kharg, from where I look forward with yearning to the Pasgeld, in order to send with it the incoming wool and some copper, as well as 10000 lb of madder roots, for Ceylon. On the 24th of December of last year, I had the honor to write to Your Right Noblenesses per De Drie Papegaaien as I have no doubt has already appeared to you before the receipt of this. missives ƒ the
Dutch transcription
F„o 9 Van Samron Den 24„e November A„o 1754 Van Samron Den 24:' November A„o 17524 geeft mij gelegentheijd, zo om uw Hoog Edel Hedens daar mede aantebieden het Dupli„ „caat van mijne Jonge in dato 18„en September Jongstleden over de Ahoute van Souratta versonden, als om deselve 't arnvement der scheepen de Drie Pappegaijen en Pasgeld, eerst gemelde den 26„e September Jongstle„ „den en laastgemelde den 16„' october daar aan volgende, benevens den ontfangst van derselver g'Eerde letteren gedateerd 20:' Julij dezes Iaars bekend te maa„ „ken. — „sijnde 't Basgeld vijff dagen na zijn aankomst opwaarts vertrocken, in de Drie Pappegaijen staat desen in 't begin van de aanstaande maand December over souratta te volgen„ met mijne formeele rescriptie en de reets ingeladene koperwerken; assa fatida, Ruijnas, ZWavel &„a item „ zoo hope ook met de dagelijks nog ver„ d Jenvari1r1. „wagt werdende Restant Woll. Hebbende desen Bodem de reets in voorraad Konnende voor 't overige door de drocke besig¬ „heden uw Hoog Edelhedens met dese occasie niet veel anders melden, als dat door den Inval der Candahaarse Aghwanen in Gorrasoen met een aansienelijke Leger van 100'000: Combattanten de Negotie 't sedert een Geruijmen tijd stil gestaan heeft, die egter thans wederom een schyn geeft van te zullen opluijken, aangesien En ook aan denselven ingevolge het schu „telijk versoek der overheden, uijt den gein„ „gen Voorraed, zodanige Provisien en benodigt, „heeden Verstrekt als zijlieden betuijgelen en teffens aantehoorende ten hoogsten voor de Rheijse van doen, en op Ghareek niet bekoomen te hebben, uijt hoofde de Residenten haar daar omtrent herwaerts gereriijeerd hadden, bedragen„ „de het een en ander blijkens nevens gaande onkost Rekening een somma van ƒ 718:14„— gelegen gehad hebbende Vaderlandse retouren ingegeven off 't waere dat nog een repatreevend schip mogt aantreffen. — gelegen genoemde ƒ P„o 11. Van Samron Den 24„e November A„o 1754 Jamron Den 24„e November A„o 1754 Van Restant onder ult„o aug„s J„o leden met bijvoe„ pappegaisen en de dm Eijsch heeft. genoemde Natie geen geweld omtrent de Coop„ „lieden gebruijkt, en ook de voornoemde Provintie be„ „riets verwerd, mitsgaders goede apparentie heeft tot bemagtiging van het geheele Persiaanse Rijk, dat voor de rust van 't selve te wen„ „schen is. Terwijl hier nevens ook nog overgaat mij„ „ne formeele Eijsch voor den Iaere 1755: waar op versoeke dat een Gunstige reflectie geslaa„ „gen mag worden. Bestaande de daar bij gevorderd Wordende Coopmanschappen in Nieuwen 6000: lb Garioffel Nagelen 10015:–. lb 50000: 150000: Fijder in staven. 100000: „100'000: „ Peper 60000 65065 2lb: Then „ Loot. 60000 10'926: —. —„ „ „ spiaulter. 25000 —„ 2000 Curcuma. 6920: —. —„ 20 „ Muscus 20: —. — 10 kassen gemlak op stokjes 5. —. — kassen 16 —. Benzuim ordinaire Witte - Canassers Poeder Zuijker 1372: — — Can„s 12. â 1400 500: — — pak: 500: lb. Pakgaeren. Wolle Manufacturen 40: p„s Lakenen begras. d=o mahoed Boetjaki 50:„ d=o andassij. 9. —. — 18: —. — p„s D Geladene in Brenger deses is 't volgende, Als 6369: lb Woll kirmanse 173. „ gom Sarcocolla„ 36. „ Kirmanse Boeken en Geijten te samen volgens Bijgaande Factuur ten bedrage van ƒ 15457„13„— Waarmede Denselven een Ramperije Voijagie 500 p=m kommen en borden g' Emalieerde 161 10000: p„s blauwe Coffij kopjes met goude rand„ 1129 f„ „jes en bloemen wit van binnen Voorts 24 Militairen benevens zodanige Provi„ „sien en benodigtheden als voormelten Eijsch dicteerd. 24 „ Sijeuwen Restanten onder bijvoeging van 't geen de drie hapegaijen aange„ 10: p„s Bij Laaken „ Bertetuanen — 500 289 Saijen Luijkse 100 Imperalen 100 Croonrassen 100 Lijnwaden 2: Pakk:n Boek parcallen Chaloe d=o gekaperde. 2. p„s „ 5 d„o Logies groote 40 „ d=o kleene 562 „ 3. d„o Chitsen gedrikte Botidaer 2. d„o 106 „ d=o Moeramath. 2. d„ 9 468 „ „ ambersia 2. 8„ 500 „ 8 /o geschilderde Sadraspatnamse 5000 p„s goenijs lange Bengaels. 5000 „ Porcelainen 40 p„s 21 10. p„s Pij zaaken Word „bragt weeft. 86 „ E 150:„ „„ 78. —. —„ F„o 13. Van Teamron Den 24:' November A„o 1754 Van Camron, Den 3„e Maart A„o 1757 Word toegewensch, door hem, die de Eere neemt zig met de uijtterste hoog agting te noemen /:onder„ „stond:/ Hoog Edele, Gestrenge, groot Agtbare wijdgebiedende Heer, en wel Edele Heeren !. /:Lager:/ uw Hoog Edelhedens zeer onder„ „danige en veel verpligten Dienaar /:was. „getekend:/ Jacob van Schoon„ „derwoert. /:in margine:// Gamron Den 24„e November Anno 1754:— Batavia Aan zijn Hoog Edelheit Den Hoog Edelen gestrengen Groot Agtbare Heere Jacob Mossel Gouverneur Generaal Benevens De Wel Edele Heeren Raden van Nederlands Jndia Hoog Edele gestrenge groot Aagtb:r wij degebieden de Heer en Wel Edele Heeren! Der dese gelegentheid heb ik mij ook verend besondenin ien G ^ twee ontfangst van ^ Laap attiak pacquetten en haar hoog Agtb: Corenlaire Sedert is op den 22„e der even gepasseerde maand februarij de Bark 'T Loo van Cormandel ver Cochim, hier aangekomen met 103. pakken Just en 3. packen Mallabaarse Lijwaten benevens Ponden 3750: Curcuma en lb: 3750: gedrogde genber, alles aan mij geconsigneert den ten bedrage volgens twee aparte facturen van ƒ 17632„ 108„ „5 ƒ 49687„ 19„ 8: Dog Acheb uijt dat kieltje eenlijk geligt de Curcuma, en gen„ „ser met 22. packen Curst lijnwaten, dan wel die geene die voor Persia beschreeven waeren, en de overige voor Bassoura Voldaan, met de Den mallabaar„ „se Packen, als mede de peper, op den 5„e deser voortgesonden na Geireck, van waar ik het Pas„ „geld met verlangen te gemoet zie, om dat'er mede de ingelopene Woll en eenige kooper als ook 10000: lb Ruijnas Wistelen voor Ceilon te versenden. — Den 24„e December des Vorleeden Jaars heb rik per de Drie Papegaijen de Eere gehadt zoodanig aan uw hoog Edelheedens te schrijven als ik niet tuijffele„ off zal deselve voor den ontfangst deses reets ge„ „bleeken zijn. — missives ƒ Dn
English
From Gamron, 31 March Anno 1755 From Gamron, 31 March Anno 1757 Letters of 6 October 1752 and 12 October 1753, accompanied by a covering letter from the respective Ceylon ministers and a requisition of necessities, yet without any Dhijunas Watelen as I expected, but indeed an equal quantity of Persian red earth specified, and for that reason, for fear of a loss, I would have fulfilled only half of it on the Batavia requisition if I had not just already bought the same to date. At the time of the dispatch of the three Papegaaijen I had reason to think that the slumping trade would revive, and the merchants also began to make preparations to send some cafilas to Kirman, Yazd, Isfahan, and Khorasan, when news was received that the Beglerbegi Karim Khan, after having driven the Afghans out of Shiraz and the surrounding area, was coming down this way to take possession of these entire lowlands. This suddenly changed their intentions, and they are even contemplating flight, just as happened four years ago when the close relative of the aforementioned Beglerbegi named Ali Mardan Khan came this way. The main thing on which people still rely somewhat is that he will not be able to feed his army, should it advance here, due to a lack of grain provisions, and thus will be forced either to send a regent with only a few men or to assign and renew the governance to the present Molla Ali Shah, which latter in that case would be the most desirable. Where I find that he is being incited by the English to a contrary conduct, while they do not fail to maintain the oft-mentioned Beglerbegi with polite letters. For although the same has sent a polite letter to the Regent Molla Ali Shah, as well as to me and the English, in assurance of his esteem, and one also does not hear much of any of his acts of violence or tyrannical deeds, yet no great trust can be placed in his good treatment; at the very least, and taken at the absolute best, an excessive tribute will have to be paid, or one will be approached for a money loan, for which he seems very much at a loss. Meanwhile, he is approaching, while Nasir Khan resists him closely invested, so everyone is full of apprehension for his further progress. Meanwhile maintained both Folio 17. From Gamron, 31 March Anno 1755 From Gamron, 31 March Anno 1757 maintained. I, for my part, have also answered him politely and carefully avoid causing any displeasure to one or the other party, which I would like to see done on the part of the regent as well, for I notice all too clearly that the English seek to stir up trouble and by that means inflict as much harm as possible on the Company. At least it is evident that they are exceedingly jealous of the expansion of the Company's trade in this Gulf, and especially of the establishment on Kharg. A letter which the Residents from there have written to Your High Excellencies on this occasion will inform you further thereof. When the Mr. White mentioned therein was here some days ago, his pretence was very grand, namely that he was sent by the Governor of Bombay to construct a fortification like ours on Kharg or Bandar Rig, to which end, with a subsequent ship, much crew and tools were soon to arrive; all of which, however, vanished into smoke after that date, for the same departed on the 6th of this month for Bushire or Bandar Rig without taking any trade goods of note, alone and accompanied by no one other than a native clerk and two servants, beyond all doubt solely with the intention of inciting the regents of that place and the surrounding area against the Honourable Company, for which the public and, as I understand it, somewhat imprudent assistance of the Residents with guns, men, and ammunition to the son of Mir Nasir, named Mir Hossein, gives them a perfect opportunity. Notwithstanding the aforementioned and other state troubles that have arisen on the side of Kirman, I have nevertheless been so fortunate regarding trade as to dispose of all the broadcloths, such as the Begras, except 5 pieces of black, Boesjaki, and Andaslij, as well as all the perpetuanas, Cromhassen, and Imperials, as well as a small part of the sack-hassen and printed cloths. Of which the sugar, little of the other goods, and also not much of note has gone off, of which the scarcity of money, besides the mentioned troubles, was also largely the cause, and therefore I strongly long for news from Surat as to how the cargo of the three Papegaaijen sold there. Regarding the request made by the Pasha of Baghdad to Bushire
Dutch transcription
Van Gamron Den 31„e Maart A„o 1755 Van Samron, Den 31„e Maart A„o 1757 missivs van den 6„' october 1752. „ 12„e october 1753 verseld van een geleijde briefje der respective Ceijlonse minis„ „ters en een Eijschje van benodigtheden dog daar bij geen Dhijunas Watelen gelijk ik verwagt stad, maar wel een gelijke 4quartit uijt persiaante aarde rade gespe„ „tificeert gevonden, en ik soude uijt dien hoofde, uijt vreese van een brijt, maar de helfte daar van op den Batavia„ „schen Eijsch voldaan gehaad hebben, indie ik deselve pro Dato net beiriets ongkogd had gehad. — Ik had onder Iafge depecharden van de drie Pappe„ „gaijen reeden van te denken, dat de verflauwde negpo„ „tie soude opluijkenen de Cooplieden begenaen ook al Trapa„ „ratie te maaken om eenige Caffilahs, na kirman„ Jesd, Spahan en gorrosden te zenden, Wanneer men tijding krug dat den Begterbegie kirniem Chan, na de aghwaren uijt Chiras en omstreeks verjaagt te hebben herwaart sequame afsakken om porsesie van dese g'hEele benedenlanden te neemen. — Dit deselve van Voorneemen schielijk Verandere en selfs, zo 1 als over vier Jaeren geleden gebeurde, toen den na verwant van Voernoemden Beglerbegie genaemt alie Mer „doem Ccham hewwaart s quam, op haer vlugt bedagt zijn. — Het vornaamse waarop men gter sig nog wat gewistes, dat hij niet instaat zal zijn, die wel herwaarts hebbende zijn Armee door gelrek aan provisie graanen / te voeden, en dus ge„ „noodzaakt weten aff een regent met maar weijnig manschap„ „pen te zenden, of het gebret aan den presente Malla ali sjak op te dragen en te vernieuwen, welk laaste in dat geval het wenschelijkste soude weesen. — Waar ik vinde dat hij door de Engelschen tot een tegenstrijdig gedrag opgestookt word, onderwijl dat sij niet naalaten meermelden Beglerbegjie met beleefde bieven te Want alschoon denselven aan den Riegent Molla Ali Tjak, als mede aan mij en de Engelschen en bleefde missive te versekening van zijne agting heeft afgesonen e men ook niet veel hoord van eenige zijner geweldenarijen off tijvannicque bedrijven zoot egter geen groot verstouwen op sijne goede behandelingen te stellen, ten minsten en op syn allerbest genoomen, zal men een Excessive burstasting moeten doen„ off om geld leening, waar om hij zeer verleegen schijnt, aange„ „sproken worden. — Ondtertuschen mader denselve eft ar al haar Nessier Chanhem resisteert veetsingeslooten, duseen ijder vol A„ „dugtinge is voor sijne Verdere progressen Ondertusschen onderhouden beed - - - F=o 17. Van Samron Den 31„' Maart A„o 1755 Van Tamron Den 31„e Maart A„o 1757 onderhouden. Ik van mijn Lijde heb hem ook beleefd gantwoord en Vermeijde zorgruldiglijk aan de Eare off andere Parthij eenig misnoegen ote Cauzeeren, dat ik guenne soude zien dat van de zijde van de regent mede geschiede want ik bemerke niet ondustjester dat de Engelschen zoeken Embruillie te vervrk„ „ken en door dat middel d' Comp: zoo veel mogelijk nadeel toe te brengen. Engelschen AAlthans het is blijkbaar dat zij over de uijlbrij„ „ding van 's Comp: Negotie in dese Golff in wel Spetiaal over het Etablissiment op Gareek bij uijt stek Ialoers zijn. — M:j en Brieff die de Residenten van daar bi deese occatie aan UW hoog Edelhedens geschreven hebben zal ^ daar deselve nader ^ van onderregten. Soen de daar ine gemelde M„rs woijt hier eertaageen„ was haar voorgeven zeer groot, namentlijk dat denselve door den Gouverneur van Bambaij gesonden was om op ghareek of Bender Riek meede een sterkte als de onse te extruee„ „ren, ten welken Eijnde met een nader schip, veel volk en gereedschaap„ alles „pen; stonden aan te komen, dat egter ^ na datum wederom in rook verdwenen is, want egter denselven is den 6„' deser na Onaangezien Voormelde en meer andere na de kant Van Kirman opgekomene Rijks Trubelen des bij ik egter omtrent de Negotie nog so gelukkig geweest van alle de Lakenen, als de Begras. /: behalven 5. stuk, zwarte:/ Boesjaki en Andaslij mitsg„s alle de Perpetuanen, Crom„ „hassen en Jmnpenaalen om te stekken, gelijk ook een klein ge„ „deelte van de zaken hassen en gedrukte Lakenen. — G Waar van de zuijker is weijnige van de andere goede„ „vn ook niet veel van Narm affgegaan, waar van de schaars„ „heid van Penningen, buijten de aangeroerde troubelen mede veel de onsaake is geweest, en daar om verlange is sterk na bescheijde ben Couralta hoedanig de Lading van de dlie pa„ segdijen aldaar, Verkogt is. — Nopens het gedaan, Versoek door den Basja van Bagedlad Boucheer, off Bender Rriek Vertrecken zonder aen„ „ge Negotie goederen van Naam meede te neemen, alleene en zonder van ijmand anders als een Jnlands schrijver en twee Deenaars Verseld, buijtten alle twijffel eenlijk met intigt om de regenten van daar en omstreeks tegen d' E: Comp: op te rocken, Waar toe de publicosie, en so ik het begrijfe wat envoorsigtige adsistentie der Residenten van geschirt, Volk en ammonutie aan den Zoon van Alier Nazier, Mier Hossein genaamt haar een volkraak te gelegentheit geeft„ Boucheer aan
English
Folio 19 From Gamron, 31 March Anno 1755 From Gamron, 31 March Anno 1755 to the Residents at Ghareek to return to Bassora, I take the liberty to submit respectfully to Your Right Nobilities that advantage could be taken of this by having one or two persons go thither, in order, without extensive display or making any ostentation, to reside as the private Europeans in this place frequently do, and from Ghareek, regarding the same as a storehouse, to requisition each time in small quantities such goods as are most in demand in Bassora as it declines, and can be sold quickly, immediately to send back the money, and conversely to request further goods, indeed, even knowing each time at or towards the end of each month the remainders at Ghareek, they could often be sold in advance to be delivered by a certain time; to which end, to collect them, a small matte bark like 't Zou would be of good service, for before the merchants become accustomed to collect the goods from there themselves, it will perhaps still require many years of time, besides the fact that those people must pay heavy tolls at the place to which they bring them, and moreover are subject to many other expenses of freight, etc., which the Honourable Company can perform much more economically, at least the higher prices at Bassora compared to Ghareek will amply and generously compensate for all expenses to be incurred, while above all this it must also be considered that foreign nations, through their direct importation of similar goods, will otherwise too much steal the Honourable Company's thunder. I have been the more inclined to this because, according to the latest reports, I do not hold myself assured of the speedy return of the pass money, and also because the freight now paid will well equalize the double expenses otherwise falling upon it by direct shipment to Batavia, and therefore I hope that Your Right Nobilities will be pleased to consider the same well done. Furthermore, I have made use of the opportunity which the private ship De Liefde, calling here during the writing of this, affords me, to ship away therewith to Souratta the copper in stock to the quantity of 16000 lb of weight at f 1: 10.- the 27 lb, amounting according to the enclosed copy of the bill of lading and invoice to a sum of f 15805: 10.-. A daily bark could also find employment here to send from here to Masquetta, which currently flourishes strongly, such goods and spices as are there frequently in good demand and at a higher price, and by that means the 24 soldiers requested by me and otherwise deemed necessary here in this circumstance of time could well be excused. Meanwhile, with the utmost esteem, I remain in the most respectful manner, underneath stood, High Noble, Stern, Highly Respected, Far-Ruling Lord, and Right Noble Lords, lower, Your Right Nobilities' very humble and much obliged servant, was signed, Jacob van Schoonderwoert, in the margin, Gamron, 31 March Anno 1755. Register of all such letters and other papers as are sent today per the ship De Drie Papegaijen towards Batavia, consigned to His Right Nobility, the High Noble, Stern, Highly Respected Lord Jacob Mossel, Governor-General, together with the Right Noble Lords Councilors of the Dutch Indies. No. 1. An original missive of today's date by Mr. Jacob van Schoonderwoert residing as mentioned in the heading of this, in all respects dispatched. 2. A duplicate missive dated 24 November of last year from and to as above. 3. Two copies of outgoing Surat missives by as mentioned, written to the Lord Director and Council, dated 5 February and 18 July of last year. 4. A copy of an outgoing Benderwiek missive by as above to the Residents, dated 27 October of the past year. 5. Two copies of outgoing Ghareek missives from as above to the Residents, dated 3 July and 3 August of this year. 6. Two original returns, viz.: One ditto of the merchandise sold here in the space of 12 months. One ditto Folio 21
Dutch transcription
Fo. 19 Van Jamron Den 31„e Maart A„o 1755 Van Camron Den 31„e Maart A„o 1755 aan de Residenten te Ghareek omme in assora te rug te komen neeme ik de Vrijmoedigheid VW: hoog Edelhedens met Eerbied voor te dragen, dat daar van gebuijk zoude konnen gemaakt worden, met Een alwee personen derwaarts te laaten gaan, om sonder uijtgestrekt„ „heid off 't maaken va, eenig figuist de meeste Europeeten in dese Van den Veelmaals De in proser eijgen te resideeren, en van gha„ „veek, het selve als een maguazijn aanmerkende, telkens bij kleene Quantiteijten te Eijschen zodanige goederen als in Bassoura, onder 't afgaan van dien het meeste ge„ „wilk zijn en spoedig Verkogt konnen worden, de penningen aanstonds te rug te senden en wederom vise versa verle goederen te versoeken, Ja selfs weetende telkens off onder ultimo van ijder maand de restanten van Ghareek„ soudense dikwils als voor uijt verkogt kunnen worden om tegen een zeekere tijd te leveren, ten welken einde om die af te haalen en kleene Een matte Bark als 'T zoo van goede dienst zoude zijn, want eer de Cooplieden gewoon zullen worden de goederen van daar selfs afbehaalen, zal misschien nog veel Iaaren tijd vercisschen, behalven dat die menschen ter plaatze werwaarts zij die aanbrengen, zewaere tollen, moeten betaalen „ buijten des nog veele andere ongelden van vragt &:a onberke„ „zig zijn, dat D E Comp:s veel menagerser uijtvooren kan, ten minsten de duurder prijsen tot Bassora als ghareek Ik den te eerder daar toe gebreeden mt dat ik mij Volgens de Jongste berigten niet versekert houde van Voorts heb ik mij van de gelegendheid die het par„ „ticulier schip de Liefede, mij onder 't schrijven dezes aan houden geeft, bediend om het in voorraad zijnde kooper ter quantiteijd van 16000: lb: of tragt tegens ƒ1: 10. —„ d' 27. lb daar mede na souratta aff te schepen, bedragende Volgens bijllgend Cohia Cognoise„ „ment factuura een somma van ƒ15805„ 10„—„ Een daagelijke Barkje zoude hier ook Emploij kunnen vinden met na matequetta, 't welk thans sterk floreerd van hier te versenden zoodanige goederen en specerije, als aldaar veel maals van goeden aftrek „n hoger prijs zijn, &n door dat middel soude ook als dan de door mij Vertogte en hier andersints en dese omstandig„ „heid van tijd zien noodzakelijk zijnde 24: militairen Wel g'Excuseert konnen werden. zal alle te doene ongelden ruijm en braedvergoeden kennen, terwijl boos en dat alles nog in aanmerking komt dat de Vreemde natien door hare directe aanbrengst van gelijk standige wharen DE: Comp: andersints den Looff te vul sullen afsteeken. — de R zal Van Tamron Den 31„e Maart A„o 1755 Van Camron Den 20„' December A„o 1734 de sepordige te zug komst van het Pasgeld, en ok om dat de thans betaalde vragt den andersints daar op vallende dubbelde ongelden door diet versendeng na Batavia wel equaliseeren zal, en dierhalven hoope ik dat uW hoog Edelhedens het selve voor wel gedaan zullen gelieven aantemerken. — Intusschen met de uijtterste agting op de Eerbiedigste wijse verblijke /:onderstond:/ hoog Edele, gestrenge groot agtbare wijdge„ „biedende Heere, en wel Edele Hee„ „ren, /:Lager:/ uw hoog Edelhe„ „dens zeer onderdanigen en veel ver„ „pligten Dienaar /:was getekent:/ Ja„ „cob van Schoonderwoert /:in margine:/ Gamvon Den 31„e Maart Anno 1755. — Register ^resideert N=o 1. Een Origineele missive van heedigen datum door den heer Jacob van Schoonderwoert n als in den hoofde deses gemeld in alle eried gecarteerd. „ 2. Een Dupbiat missive in dato 24„e November J„o Leeden van en aan als even. „ 3. twee Copia afgaande souratse missives door als gemeld aan den heer Directeur en raadt gesz: ged„t 5:' feb„r 18„' Julij J„o leeden „ 4: Een Copia afgaande Benderwiekse missive door als even aan de Residenten dat„o 27„e October A „ parata 5. Twe Copia afgaande Ghareekse missiven van als een aan de resitenenged:t 3: Julij en 3:' ug„s deses Jaars. „ 6. Twee Nrigineele Rendementen; als Een dit de alhier verkogte Copmantz: in de tijd van 12: maanden. D Register Register van alle zodanige Brieven en verdere Papieren als er op heden per het schip De drie Pape„ „gaijen Batavia waarts versonden ge„ „consigneerd Aan zijn hoog Edelheijd, den Hoog Edelen gestrengen groot agtb:r heer Jacob Mossel Gouverneur Generaal benevens De wel Edele Heeren Raden, van Nederlands India Een dito 3 Fo. 21.
English
Folio 21. From Gamron, the 31st of March, Anno 1755 From Gamron, the 20th of December, Anno 1754 the speedy arrival of the passport money, and also that the freight now paid will well equalize the double charges that would otherwise fall upon it through that conveyance to Batavia, and therefore I hope that Your High Excellencies will be pleased to consider the same well done. Meanwhile, with the highest esteem, I remain in the most respectful manner, below stood, High Noble, stern, right honourable, far-commanding Lord, and Well-Born Sirs, lower, Your High Excellencies' very humble and much obliged servant, was signed, Jacob van Schoonderwoert, in the margin, Gamron, the 31st of March, Anno 1755. Register Resident No. 1. An original missive of today's date by the gentleman Jacob van Schoonderwoert, addressed with all respect as mentioned in the heading of this document. 2. A duplicate missive dated 24th of November last, from and to the same as above. 3. Two copies of outgoing Surat missives, written by the aforesaid to the Director and Council, dated 15th of February and 10th of July last. 4. A copy of an outgoing Bender-Abas missive, sent by the same to the Residents, dated 27th of October of the current year. 5. Two copies of outgoing Kharg missives, from the same to the Residents, dated 7th of July and 3rd of August of this year. 6. Two original returns, namely: One ditto of the merchandise sold here in the space of 12 months. Register Register of all such letters and further papers as are sent today per the ship De Drie Papegaaijen towards Batavia, consigned to His High Excellency, the High Noble, stern, right honourable Jacob Mossel, Governor-General, together with the Right Noble Lords, Councillors of the Netherlands Indies. One ditto From Gamron, the 31st of March, Anno 1755 From Gamron, the 20th of December, Anno 1754 the speedy arrival of the passport money, and also that the freight now paid will well equalize the double charges that would otherwise fall upon it through that conveyance to Batavia, and therefore I hope that Your High Excellencies will be pleased to consider the same well done. Meanwhile, with the highest esteem, I remain in the most respectful manner, below stood, High Noble, stern, right honourable, far-commanding Lord, and Well-Born Sirs, lower, Your High Excellencies' very humble and much obliged servant, was signed, Jacob van Schoonderwoert, in the margin, Gamron, the 31st of March, Anno 1755. Register Resident No. 1. An original missive of today's date by the gentleman Jacob van Schoonderwoert, addressed with all respect as mentioned in the heading of this document. 2. A duplicate missive dated 24th of November last, from and to the same as above. 3. Two copies of outgoing Surat missives, written by the aforesaid to the Director and Council, dated 15th of February and 10th of July last. 4. A copy of an outgoing Bender-Abas missive, sent by the same to the Residents, dated 27th of October of the current year. 5. Two copies of outgoing Kharg missives, from the same to the Residents, dated 7th of July and 3rd of August of this year. 6. Two original returns, namely: One ditto of the merchandise sold here in the space of 12 months. Register Register of all such letters and further papers as are sent today per the ship De Drie Papegaaijen towards Batavia, consigned to His High Excellency, the High Noble, stern, right honourable Jacob Mossel, Governor-General, together with the Right Noble Lords, Councillors of the Netherlands Indies. One ditto Folio 21. Folio 23. From Gamron, the 20th of December, Anno 1754 From Gamron, the 20th of December, Anno 1754 One ditto of the merchandise sold at Bender-Abas. No. 7. An original balance sheet with a comparison of the general expenses and profits of this post for the year 1753/1754. 8. A memorandum of such postings and write-offs as occurred here in the financial year 1753/1754, dated the last day of August of this year, with its annexes, namely: A report concerning the shortage of trade goods sold in the past financial year, dated the last day of February of the current year. One ditto concerning the shortage of such spices as were received in the past year and have since been delivered in part and partly remained in stock, dated the last day of August of this year. One ditto regarding such nutmegs as were received in the past year and have since been successively delivered, dated the last day of February of the current year. One ditto regarding the receipt and delivery of black benzoin, dated the last day of August last. 9. An original compendium of the gifts made here during the preceding financial year 1753/1754, dated as above. 10. A duplicate requisition of such merchandise and further necessities as are required in all humility for this post for the year 1755, dated together with the returns. No. 11. A copy of the findings concerning the cargo delivered here from Bengal of the 1st of November of this year, together with a memorandum of the 60 chests of nutmegs brought here and a report regarding the garbling of the pepper. 12. An original report, answered in the margin, on the Gamron trade books of the year 1753/1754. 13. Two original sworn statements, namely: One concerning the spices, and One ditto being the statement of suitability, dated the last day of August last. 14. Four original petitions, namely: Two ditto from the bookkeepers Anthonij van der Wallen and Alexander Diderik, requesting relief from their duties. One ditto by the constable of this post, requesting not only to be confirmed in that post, but also to have his wages increased. One ditto by the provisional corporal, requesting an increase in wages and to be favored with the said capacity. 15. A copy of an outgoing invoice per De Getrouwigheid, dated 23rd of November last. 16. Four copy specifications, namely: dated Two ditto
Dutch transcription
Fo. 21. Van Camron Den 31„e Maart A„o 1755 Van Camron Den 20„' December A„o 1724 de spordig te zig komst van het Pasgeld, e ok em g: dat de thans betaalde vragt den andersints daar op vallende dubbilde ongelden door dien Versending na Batavia wel equaliseeren zal, en dierhalven hoope ik dat uW hoog Edelhedens het selve voor wel gedaan zullen gelieven aantemerken. — Intusschen met de uijtterste agting op de Eerbiedigste wijse verblijke /:onderstond:/ hoog Edele, gestrenge groot agtbare wijdge„ „biedende Heere, en wel Edele Hee„ „ren, /:Lager:/ uw hoog Edelhe„ /4 „dens zeer onderdanigen en veel ver„ „pligten Dienaar /:was getekent:/ Ca„ „cob van Schoonderwoert /:in margine/:s/ Gamron Den 31„e Maart Anno 1755. — t /re DP Register ^ resident N=o 1. Een Originel missive van heedigen datum door den heer Jacob van Schoonderwoerten als in der hoofde deses gemeld in alle eerbied gecarteerd. „ 2: Een Duipbiat misie in dato 24„e November J„o Leeden van en aan als even. „ 3. twee Copia afgaande souvatse missives door als gemeld aan den heer Directeur en raaz gesz: ged„ 1:' feb„r 10:' Julij J„o leeden „ 4: Een Copia afgaande Benderwiekse missive door als even aan de Residenten dat:o 27„e' ctobr A „o a ataas 5. Twee Cohia afgaande Ghareekse missives van als even aan de resitenengd:t 7: Julij en 3:' Aug„s deses Jaars. „ 6. Twee Origineele Rendementen; als Een dito der alhier verkogte Copman sz: in den tijd van 12: maanden. Register Register van alle zodanige Brieven en verdere Papieren als er op heden per het schip De drie Pape„ „gaijen Batavia Waarts versonden ge„ „consigneerd Aan zijn hoog Edelheijd, den Hoog Edelen gestrengen groot agtb:r hem Jacob Mossel Gouverneur Generaal benevens De wel Edele Heeren Raden van Nederlands India Een dito Van eamron Den 31„e Maart A„o 1755 Van Samron Den 20„' December A„o 1734 de spordige te zig komst van het Pasgeld, en ok en„ dat de thans betaalde Vragt den anderscnt:s daar op vallende dubbelde ongelden door dien Versending na Batavia wel equaliseeren zal, en dierhalven hoope ik dat uw hoog Edelhedens het selve voor wel gedaan zullen gelieven aantemerken. — Intusschen met de uijtterste agting op de Eerbiedigste wijse verblijke /:onderstond:/ hoog Edele, gestrenge groot agtbare wijdge„ „biedende Heere, en wel Edele Hee„ „ren, /:Lager:/ uw hoog Edelhe„ „dens zeer onderdanigen en veel ver„ „pligten Dienaar /:was getekent:/ Ca„ „cob van Schoonderwoert (:in margine: Gamvon Den 31„e Maart Anno 1755. — Register ^ residerrt N=o 1. Een Originele missive van heedigen datum door den heer Jacob van Schoonderwoert n als in der hoofde deses gemeld in alle eerbied gecarteerd. „ 2. Een Dupbiat missive in dato 24„e November J„o Leeden van en aan als even. „ 3. twee Copia afgaande souratse missives door als gemeld aan den heer Directeur en raad gesz: god„t 15: feb„r 10:' Julij J„o leeden „ 4: Een Copia afgaande Benderwikse missive door als even aan de Residenten dato 27„e ctober „os a ata „ 5. Mee Copia afgaande Ghareekse missives van als een aan de resitenenged: : Julijen 3:' Aug„s des Jaars. „ 6. Twee Origineele Rendementen; als Een dito de alhier verkogte Copman sz: in der tijd van 12: maanden. DP Register Register van alle zodanige Brieven en verdere Papieren als er op heeden per het schip De drie Pape„ „gaijen Batavia waarts versonden ge„ „consigneerd Aan zijn hoog Edelheijd, den Hoog Edelen gestrengen groot agtb:r hem Jacob Mossel Gouverneur Generaal benevens De wel Edele Heeren Raden, van Nederlands India Een dito - F. 21. Fo: 23. Van Camron Den 20„e December A„o 1754 Van Samron Den 20„' Decmber A„o 1754 Een dito der tot Bendenik omgesette Coopmanschap„ „pen. N=o 7: Een Orgineele staat Reekening met vergelijking der Generaale Lastenen winsten deses Compitoir van den Jaer 175 8/ „ 8. Een _„o Memorie van zodanige in en afschrijfingen als hier in 't boekjar 17E de gevallen sij gedateerd ult„o aug„s deses Iaars, annex dies bijlagen, als: Een Bevinding toucheerende deminderheide in 't Jagst verwteekene boek jaer ongeselte Negotie goederen ged„t volt: feb:s lb bowant. Een dito Conserneerende d'minderheid van zodanige spece„ „rijenals „o apso ntfangenen sedert ucassen ten deel uijtgeletert en deels perrestant verbleeken zijn ged„s ul:o aug„ deses Jaars. Een dito nopens zodanige Nooten muschaten als in A„o pass„o ontfangen en sedert sucssie uijtgle„ „vert sijn ged„t ult:o februai „o Courant. Een dito nopens den ontfangst als uijtgeleverde Benzuim swarte ged„t ult:o aug:s Comstsleeden. „ 9. Een originele Compendium deruit soo Ovengaande beekjaar 173 3/4. alhier gedane geschenken datum als Even. „ 10: Een Duplicaat Eische van zodanige Coopmanschappenenverde bondrigt, „heeden alser voorden Jar 175. vor dit Comptarin alle onderdanigheijd gerequired eden an e e d de rededementen gedateerd. N„o 1: En Copia Bevinding der alhir uijtglekerde Lading van bonger deses onder 1: 9ber: deses Jaars annoxeen Memorie der alhier aangebragte 60: kisten Nooten muschaeten en Een Rapport nopens de harfing der Peper. „ 12: Een Originl in margine v' antwoorde Bevinding op de Gamronse Negotie Boeken van den Jaer 1: 1/5. „ 13: Twe Orgineele b'eedigde Verklarings, als. Een Conpemeerende de specerijen, en Een d„o zijnde dact van Gesoordigheid ije and at l: „ mo Aug„s Jongstleieden. „ 14. Vir origineele Requesten; als. Twee dito van de boekhouders anthonij van der Wallen alexander Diderik z: Versrak doende ter ontreffig hunner belasting. Een dito doordn prs Constabel deses Compitors versek doende niet alen met die bediningte werden ver„ „aird waar ook is gagie verhoogt te werden. Een dito do den :s Coponal veroek oende onverkoging van gagie en met gemeld qualitijd te mogen werden beginstigt. 1 15: Een Copia per d getrouwigheid afigan Factuura gedateed 23:' Novem„ „ber J„o Leeden „ 16: Vir Eoper Specificatien; Namentlijk. gedateerd Twee dito
English
Folio: 25 From Gamron The 20th of December Anno 1754 From Gamron The 20th of December Anno 1755 One ditto of the completed repairs to the Company's horse harnesses, dated 20th February of this year. One ditto of the expenses incurred at this office on merchandise in a full year ending the last of June past. No 17: Two copy reports, one ditto concerning the calibration of the weights, ending the last of August of this year. One ditto concerning that which occurred and was performed principally both during the voyage and here in the roads, dated the 15th of this month. No 18: Five original answers and collated interrogatories, namely from the second mate Andries Jansz: Arendsz: And from the quartermaster Fredrik Jansz, one from the sailor Jan Ternon, one from the fellow ditto Rasmus Paulusz: and one ditto from the young sailor Arij van der Vegt. No 19: Two copy findings; namely: One ditto concerning the entire cargo of merchandise that was aboard the vessel De Batavier, together with a ditto sworn statement of what was discharged by the junior merchant Jan van der Hulst, dated Bender Aboucheer. Two ditto of such repairs as were made to the Company's lodge and horse stable in the period of 9 months, and one ditto in the period of 3 months, dated the last of May and the last of August. Jacob Leeken the 4th of September and 8th of November of the past year, ditto merchandise transshipped to Benderik. No 20: Two copy invoices along with their bills of lading of what was loaded into the ship De Batavier, dated Benderik the 8th of November recently past. One ditto of such remaining merchandise as was transferred by the bookkeeper Van der Wall to the residents there, dated 1st of May of this year. No 21: One copy expense account of the aforementioned vessel from the 7th of September to the 8th of November Anno past, dated as above. No 22: Two copy specifications of the expenses incurred there on merchandise, dated 1st of May of this year. One ditto of rations for the said commission, dated 20th of July recently past. No 23: Three copy expense accounts, namely: One ditto of the expenses incurred for the ship De Getrouwigheijd, both before its departure to and upon arrival from Kharg, together with a catalogue of the medicines purchased for that vessel. One ditto concerning the passage money provided to the vessel for its departure to Kharg. One ditto of the disbursements made for the bearer of this, from its arrival until today's date. No. 24 the From Gamron The 20th of December Anno 1754 From Gamron The 20th of December Anno 1754 Batavia No 24 An original answered Persian requisition, but a Batavian of today's date. No 25: A copy of the settled account of the Kirman wool gatherers. No 26. A copy receipt of what was again delivered to the aforementioned gatherers, dated 25th of January of this year. No 27. An original list of such foreign, Company, and private ships as have entered this Gulf since the 1st of September of the past year until today, indicating what cargo they brought. No 28. An original invoice and bill of lading of what is loaded into the bearer of this, dated today, in a separate envelope. No 29. A copy invoice of what is loaded into the bearer of this for Surat. No 30. A copy of Gamron's trade journal of Anno 1753/1754. No 31. A copy of Gamron's trade ledger of Anno 1753/1754. No 32: A copy of Benderik's trade journal and ledger of Anno 1753/1754. No 33. A copy of Gamron's specification book of Anno 1753/1754. No 34. A copy daily journal beginning with the 1st of September of the past year and ending the last of August of this year. No 35. A translation of an Armenian bill of exchange and contract. Furthermore, all such pay-books and further writings as the register thereof further indicates. In the Dutch Company's Office, Gamron, The 28th of December Anno 1754: was signed: Stevanus Annot: Letter A: An original letter of accompaniment, together with an improved chart of this bay in a separate envelope. there 27 From Gamron The 20th of December Anno 1754 From Gamron The 20th of December Anno 1754 Per the ship De Drie Papegaaijen Batavia To his Excellency the Most Honorable, Valiant, and Highly Respected Lord Jacob Mossel, Governor-General, together with the Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies. Most Honorable, Valiant, Highly Respected, Widely-Ruling Lord, and Honorable Lords! When I dispatched my respectful letters dated the 24th of November just past to Your Most Noble Honors with the Getrouwigheid, the shortage of time caused me to postpone the dutiful reply to Your Most Noble Honors' highly esteemed orders of the 30th of July of this year. Now, however, allowing this to follow here, I express beforehand my obliged gratitude for the satisfaction that Your Most Noble Honors were pleased to take in my conduct, under the sincere assurance that I shall not fail to make every possible human effort to conform always to the good pleasure of Your Most Noble Honors, and by a prompt compliance and execution of the orders and commands received from you, to demonstrate my willing obedience. And whereas among other things it has become apparent to me from this the promotion of the Honorable Lord Jeremias van Riemsdijk to Councillor Extraordinary of the Indies, I take the liberty to congratulate His Honor most cordially on this, as well as to wish him the blessing of the Almighty: so that all of his undertakings and acts may always turn out and serve to the applause of the Honorable Company and to his own desired satisfaction. Proceeding further to such points regarding which it appears necessary to me to address Your Most Noble Honors with all respect, it follows: That regarding the employment of Persian and Arab personnel from 29
Dutch transcription
F: 25 Van Camron Den 20„e December A„o 1754 Van Samron Den 20„e December A„o 1755 Een dito der gedaene reparatie aan 's Comp:s paarde thuijgen gehateen 20:' fbruarij deses Juars. Een dito der ten desen Comptoire gevallene onkosten op Coopmansz: in een rondt Jaar onder ult:o un :f leden N=o 17: Twe Copia Raporten En dito tendeerende de Eijking der gewigten onder ult„o aug„s deses Jaars. Een d„o toucheerende het gunt zoo gedurende de reijse als hier ter rheede principalijk voorgevallen en Verrigt is gedateerd 15:' deser „ 10: tis foriginele antworde en gecoleere Jnterngatomris als lij van den ondertuirman Andries Jansz: Arendsz: En van den Quartiemester Fredrik Jansz, Een van den mattroos Jan Ternon, Een van den mede dito Rasmus Paulusz: en Een dito van den Jong matroos Arij van der vegt. „ 19: Twee Copia Bevindings; als: Een dito toucheerende de gansche lading van din den bodem d' Batavier geweedt zijnde Copmansz:, annex Eijd„o van 't gunt door den onderkoopman Jan Van der Hulst geligt zijn ged„t Bendher aboucheer Twee dito van zodanige Reparatie, alser in den tijd van 9. maanden en Een d„o in den tijd van 3: maar„ „den aan s: Comp:s Logie en paarden setalt ge„ „daan is onder dato ult„o meijen ult„o Aug:s J„b Leeken den 4:' September en 8:' November des gepasseerden Jaarsen :d: tot benderik om„ „gesette Coopmanschappen. N=o 20: Twee Copia Fractuuras annex dies Cognosementen van 't gelad„ „ne in 't schip De Batavier ged„t benderdick den 8:' November Jngstleden. Een dito van zodanige restant Copmansz: als er dor den boekheider van der Walloverge¬ „transporteerd zijn aan deresidenten aldaar ged„t P=m. meij deses Jaars. „ 21: Een Copia Onkost Reek: van eren gemelden bodem sedert den 7:' 7ber: tot den 8:' 9b: A„o pass gted ls boven. „ 22: Twe Copia specificatien van d'aldaer gevallene onkosten „ Copmn: ged:t P=mo maij deses Jaersen Een d„o van Randsoenen dergemelde Commissie ged„t 20: Julij Jongstleeden. „ 23: Drie Copia onkost Reekeningen, als. Een d„o van 't bekostigde aan 't schip De getrouwg„ „heijd, zo voor deselfs vertrek nae als te holg komst van Ghareek, annoex En Catthoa„ „logus der Voor dien bodem ingekogte medicamenten. Eend„s nofens't Verstreke an den bodem t Pasgeld vordeself stek na hare g:s 2 r rl l at Een dito van 't ijtgeschotene voor ronger deses, edert des„ „selfsarnivement tot heedigen datum No. 24 den Van Samron Den 20„' Dembr A„o 1754 Van Samron Den 20„e December A„o 1754 Batavia N„o 24 Een onginels bantwoode patrase Eijsch, maer Een bataviase van dato hodie „ 25: Een Copia Gedane Reekening der kirman se Woll in amelaers. „ 26. Een Copia Cogpassement van't gunt Weder aangemelde Jnsamelaers is af„ „gelangs ged, 25: Januarij deses Jaars. „ 27. Een Origiuele Lijstje van Zodanige Vreende s Comp: als particulier scheepen als er sedert P=mo September A„o passo tot heeden, dese Golf ingekomen zijn met aanwijsing Wat lading zijnede gebragt hebben. „ 20. Een riginel Tactuuren Cognossement van 't geladene in brenger de„ „seh dato hobde in Een apart Couvert. „ 29. Een Copia Fractuur van 't geladene in brenger dezes voor Souratta „ 30. Een Copia Gamrons Negotie Jounael van A„o 175 3/¾. „ 31. Een Copia Gamrons Negotie groot boek „ „ 175¾ „ 32: Een Copia Benderiks Negotie Jounaal en groot boek van A„o 175/¾. „ 33. Een Copia Gamrons specificatie boek van Al„ 15¾. „ 34. Een Copia Dagterhaal beginende met D=m Septem„ „ber des gepasseerden en eijndigt ult=mo Augustus deses Jaars „ 35. Een Translaat Armeensche Wissel en Contract. Wijders alle zodanige Zoldij Boeken en verdere geschriften als het In't Nederlands Comp„ G „toir Gamron Den 28„e December Anno 1754: /:was getekent:/ Stevanus Annot: daar van zijnde Regis„ „ter nader aanwijst. L=a A: Een Origineele Gelijbriefje, nevens Een Verbeeterde kaart van dese baaij in Een aharte Cnvert. daar 27 Van Samroo Dden 2„' Decmber A„o 1754 Van Cramron Den 20„e December A„o 1754 P=r 't Schip De drie Pappigaijen Batavia Aan zijn Edelheid Den Hoog Edelen Gestrengen groot agtbaren Heere Jacob Mossel Generaal Gouverneur Benevens De wel Edele Heeren Raden van Nederlands India. Hoog Edele gestrenge, groot agtbare wijd gebie„ „dende Heere, en wel Edele Haren! Wanneer ik met de getrouwigheid d'Er hat ijne Eerbidige Letteren van dagteekening 24„' November even verweken aan uw hoog Edelhedens afte vaertijnorsaekte mij de kosthijd des tijdes het verschuldigde antwond of uw hoog Edelhens Hoog geagte Voorts overgaande tot sodanige Porncten welkent halven het mij noodzaaktelijk schijnt UW Hoog Edelhedens nader „salle Eerbied te onderhouden, zoo drind. Dat ik aangaande het in dienst nemen van Persidanse en En dewijl mij onder anderen daar bij zl koomte blijken de pro„ „notie van den Wel Edelen Heer Jeremias van Riems, lijk tot Rhaad Extra Oridinair van Jndia zoo neme ike deene zijn wel Edele daar mede hert gundiglijk te Vergelukken, mitsg„s toe te wenschen den zeegen des allerhoogsten: op dat lle desselfs onderneminge en uijtringen, steeds uijtvallen en streck„ nogen tot applandissement der Ed: Maatschappijen naar igen wenschen vergenoeginge. 'T welk egter nu hier latende volgen zoo betuijge ik Voor aff mijne Verpligte dankbaarheid voor het genoegen dat uw Hoog Edelhedens in meene behandelingen hebben gelieken te nemen, onder opregte verseekering, dat ik niet na„ laaten zal alle mensch mogelijke kragten in te spannen om rij steeds te schikken naar het wel behaegen UWer hoog Edelhedens, en door een prompte opvolgingen uitwverig der op uuwr ontfangene ordros en beveele, mijne bereijdwillige gehoorsaam„ eijd te tonen. — an den 30„e Iulij deses Jaers uijt te stellen. — Arabiersse van 29
English
From Gamron, the 20th of December, Anno 1754 From Gamron, the 20th of December, Anno 1754 Per the ship De Drie Papegaaien Batavia To His Excellency the High Noble, Rigorous, Right Honourable Lord Jacob Mossel Governor-General Together with The Right Noble Lords Councillors of the Netherlands Indies. High Noble, Rigorous, Right Honourable, Widely Commanding Lord, and Right Noble Gentlemen! When I faithfully had the honour of dispatching my respectful letter dated 24th November last to Your High Nobilities, the shortness of time forced me to postpone the due reply to Your High Nobilities' highly esteemed letter of the 30th of July of this year. Letting that follow herewith, however, I express beforehand my obligatory gratitude for the satisfaction Your High Nobilities were pleased to take in my handlings, with the sincere assurance that I shall not fail to exert all humanly possible powers constantly to conform to the pleasure of Your High Nobilities, and to demonstrate my willing obedience through a prompt observance and execution of the newly received orders and commands. And since among other things the promotion of the Right Noble Lord Jeremias van Riemsdijk to Extraordinary Councillor of the Indies becomes evident to me therefrom, I take the opportunity to congratulate His Honour wholeheartedly thereon, as well as to wish him the blessing of the Almighty, so that all his undertakings and actions may constantly turn out and serve to the applause of the Honourable Company and to his own desired satisfaction. Proceeding further to such points regarding which it seems necessary to me to confer further with Your High Nobilities in all respect, it serves: That regarding the recruitment into service of Persian and Arabian soldiers [illegible] 29 29 From Gamron, the 20th of December, Anno 1754 From Gamron, the 20th of December, Anno 1754 Per the ship De Drie Papegaaien Batavia To His Excellency the High Noble, Rigorous, Right Honourable Lord Jacob Mossel Governor-General Together with The Right Noble Lords Councillors of the Netherlands Indies! High Noble, Rigorous, Right Honourable, Widely Commanding Lord, and Right Noble Gentlemen! When I faithfully had the honour of dispatching my respectful letter dated 24th November last to Your High Nobilities, the shortness of time forced me to postpone the due reply to Your High Nobilities' highly esteemed letter of the 30th of July of this year. Letting that follow herewith, however, I express beforehand my obligatory gratitude for the satisfaction Your High Nobilities were pleased to take in my handlings, with the sincere assurance that I shall not fail to exert all humanly possible powers constantly to conform to the pleasure of Your High Nobilities, and to demonstrate my willing obedience through a prompt observance and execution of the newly received orders and commands. And since among other things the promotion of the Right Noble Lord Jeremias van Riemsdijk to Extraordinary Councillor of the Indies becomes evident to me therefrom, I take the opportunity to congratulate His Honour wholeheartedly thereon, as well as to wish him the blessing of the Almighty, so that all his undertakings and actions may constantly turn out and serve to the applause of the Honourable Company and to his own desired satisfaction. Proceeding further to such points regarding which it seems necessary to me to confer further with Your High Nobilities in all respect, it serves: That regarding the recruitment into service of Persian and Arabian [illegible] 1788 of
Dutch transcription
Van Camron Den 20„' Decmbr A„o 1754 Van Camron Den 20„e December A„o 1754 P=r 't Schip De drie Puffigaijen Batavia Aan zijn Edelheid Den Hoog Edelen Gestrengen groot agtbaren Heere Jacob Mossel Gouverneur Generaal Benevens De wel Edele Heeren Raden van Nederlands India. Hoog Edele gestrenge, groot agtbare wijd gebie„ „dende Heere, en wel Edele Haren! Wanneer ik met de getrouwigheid d' Eer had rijen Eerbidige Letteren van dagteekening 24„' November even verweken aan uw hoog Edelhedens afte vaerdigen notsakte mij de kortheijd de„ eses tijdes het verschuldige antwod op uw hoog delhen Hog geag„ Voorts overgaande tot sodanige Poincten welkens halven het mij noodzaakelijk schijnt UW Hoog Edelhedens nader in alle Eerbied te onderhouden, zoo drind. Dat ik aangaande het in dienst nemen van Persidanse en En dewijl mij onder anderen daar bij zl koomte blijken de pro„ „motie van den Wel Edelen Heer Jeremias van Riems, „dijk tot Rhaad Extra Ordinair van Jndia zoo nemeik deene zijn wel Edele daar mede hert gundiglijk te Vergelukken, mitsg„s tot te wenschen den zeegen des allerhoogsten: op dat alle desselfs ondernemingen en uijtringen, steeds uijtvallen en streck„ mogen tot applandissement der Ed: Maatschappije en naar „eijgen wenschen vergenoeginge. T welk egter nu hier latende volgen zoo betuijge ik Voor aff mijne Verpligte dankbaarheid voor het genoegen dat uw Hoog Edelhedens in meenie behandelingen hebben gelieven te nemen, onder opregte verseekering, dat ik niet na„ laaten zal alle mensch mogelijke kragten in te spannen om mij steeds te schikken naar het wel behaegen Uwer hoog Edelhedens, en door een prompte opvolging en uijtverng der op nueuw ontfangene ordros en beveele, meijne bireijdwillige gehoorsaam„ heijd te tonen. van den 30„' Iulij deses Jaers uijt te stellen. — Arabiersse geld rs ne„ rs. Vere van 29 29 Van Samron Den 20„e Decmber A„o 1754 Van Camron Den 20„e December A„o 1754 Pr 't Schip De drie Pappiegaijen Batavia Aan zijn Edelheid Den Hoog Edelen Gestrengen groot agtbaren Heere Jacob Mossel Gouverneur Generaal Benevens De wel Edele Heeren Raden van Nederlands India! Hoog Edele gestrenge, groot agtbare wijd gebie„ „dende Heere, „n wel Edele Haren! Wanneer ik met de getrouwigheid d' Eere had mijn Eerbidige Letteren van dagteekening 24„' November even verweken aan uw hoog Edelhedens afte varbijen nor aekte mij de kotheijd de. gt tijds het verschuldigde antwoord op uw hoog Edelhedens Hoog, geag„ Voorts overgaande tot sodanige Poincten welkens halven het mij noodzaaktelijk schijnt UW Hoog Edelhedens nader in alle Eerbied te onderhouden, zoo diend. Dat ik aangaande het in dienst verren van Persidanse en En dewijl mij onder anderen daar bij zl koomte blijken de pro„ „notie van den Wel Edelen Heer Jeremias van Riems „dijk tot Raad Extra Ordinair van Jndia zoo nemik dien zijn wel Edele daar mede hert gundtiglijk te Vergelukken, mitsg„s to te winschen den zeegen des allerhoogsten: op dat alle desselfs onderneminge en uijtwringen, steeds uijtvallen en streck„ mogen tot applandissement der Ed: Maatschappije en naar eijgen wenschen vergenoeginge. T welk egter nu hier latende volgen zoo betuijge ik Voor aff mijne Verpligte dankbaarheid voor het genoegen dat W uw Hoog Edelhedens in meene behandelingen hebben gelieven te nemen, onder opregte Verseekering, dat ik niet na„ „laaten zal alle mensch mogelijke kragten in te spannen om mij steeds te schikken naar het wel behaegen UWer hoog Edelhedens, en door een prompte opvolginge uijtvorig der op nuuw ontfangene ordros en beveele, mijne bereijdwillige gehoorsaam, „heijd te tonen. — van den 30„e Iulij deses Jaers uijt te stellen. — Arabiersse m n 1788 van