Inventory 2937
Surat / Persia · 612 pages · 172 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
From Mocha and Cairo the 14 May 1756 to send, laden with their spices and Indian trade goods, directly to Suez, where they will have the same protection and assistance as in other ports under the dominion of the Grand Lord, in accordance with the solemn capitulations and the firman of the Pasha of Cairo. This is a favorable juncture to begin a trade with Egypt, since there is war between England and France and the Dutch are neutral. Advices from Marseilles, brought to Alexandria in 14 days by a French barque, report that 20 French warships with 200 transport ships have departed from Toulon to attack Port Mahon. I request the captain who opens this letter to send the answer with the bearer hereof. Gentlemen. The above is a copy of what I had the pleasure of writing to you on 14 May past, and on the same occasion I wrote to His Excellency the General of Batavia, and sent him enclosed a letter from our governor Ali Pasha Hekimoglu, advising him that the Dutch passage from Batavia Cairo the 2 July 1756. to Mocha and Cairo the 2 July 1756. was free and open and that they may freely come with their ships, merchants, and merchandise to Suez, where they will be helped and protected in the same manner as in other ports under the dominion of the Grand Lord, and this will be a trade of great profit and advantage for the Dutch gentlemen; as the merchants of Cairo, who go yearly to buy goods and merchandise at Jeddah, gain at least 30 per cent, and what the profit is from India to Jeddah to go and buy, at least your honors well know, and this is a favorable juncture of time to begin a trade directly from Batavia to Suez, as the war between France and England is declared, as appears by the King of England his declaration against France of the 18 May. In 15 days there arrived from Marseilles at Alexandria on the 23 June past a French tartane, with advices that the French disembarked 14,000 men at Port Mahon on the 18 April, that they had taken the Citadel, but the Castle of Saint Philip was well provided and defended itself. The English Admiral Byng has From Mocha and Cairo the 2 July 1756 with 17 warships fought a battle against 17 French warships, on the 20 May, 5 miles from Mahon, but after two and a half hours of fighting, they were separated by the strong wind and tempestuous sea with little damage on either side. The Dutch and Spaniards remain neutral; there have departed from Brest 20 ships of the line with 12 frigates, but no one knows their design, they believe for America; they are making great preparations in France to make an invasion of England, the Dutch have 6,000 men ready for England, and those of Hanover 12 battalions. With this occasion I send to His Excellency the General of Batavia a copy of the Pasha's firman, for the benefit of the Dutch nation, and I do not doubt but that he will send a Dutch ship laden with spices etc., as with this war spices will daily rise and they must make a great profit and advantage. From Mocha and Cairo the 2 July 1756 advantage. Doubtless 3 ships have arrived from Jeddah, and coffee has advanced from 24 to 30 piasters, with the appearance that it will rise still more. I request the gentleman who opens this letter to send the reply via the bearer of this. Gentlemen, your honors' obedient, humble servant Samuel Busler, for Robert Hughes, Consul General in Egypt. Your honor has enclosed the copy in Italian. Below stood: for the translation from the English, Cochin the 2 October 1757. Was signed: A. V. Vechten, secretary. Lower: agrees. Was signed: Jacobus Wijn, first clerk. In the margin: examined, Pieter Carel Muller. From Mocha and Cairo the 23 July 1756 May it please Your Excellency, The above is a triplicate of what I had the honor to write to Your Excellency, the original of which I forwarded by one Jan Roos, a native of Batavia. I have sent a copy thereof to Jeddah by a nayab or express, hoping to find the Dutch ships there, upon whose return Your Excellency will receive this, and this will serve to inform Your Excellency that, praise be to God, all matters here have been found arranged according to wish, and all difficulties concerning the trade between Europe and Egypt have been removed, and that a free trade is open between Grand Cairo and Amsterdam, to the great satisfaction of the Dutch nation. I have likewise made every possible effort to enlarge the trade of Holland still more, by opening the trade between Batavia and Egypt, and to that end I have had great discussions with our present Governor Ali Pasha Hekimoglu, lately Grand Vizier at Constantinople, who
Dutch transcription
Van Mochaen Catvo den 14 Maij 1756 zenden, geladen met hunne Specerijen, en Indische Handelwharen direct na Suel alwaar zij deselve protectie en bijstand zullen hebben, als in andere havens onder tes het gebied van den groten heer Conform de solemneele Capitulaties, en de firman van den Basha van Cairo, dit is een gun„ „ftige Conjuncture om een handel met Egijpten te beginnen, dewijl er oorlog is tusschen Engeland en Frankrijk ende hol„ „landers neutraal zijn, advijsen van Marcielles in 14:' dagen door een fransche bark tot Alexandia aangebragt, melden dat van Coulon 20 fransche oorlogs schepen met 200 Transportschepen vertrokken zijn, om port Mahon te attaqueren; ik verzoek den Capitain die dezen brief opent, het ant„ woord te senden met brenger dezes; Heeren De bovenstaande is een Copijen van 't geen ik het vermaak heb gehad uE den 14 maij pass„o te schrijven, en ter zelver occasie schreef ik aan zijn Excellentie de Generaal van Batavia, en zond hem g'incloseert een brief van onsen Gouverneur allij basha hackim oglu, hem advise„ rende dat de hollandsche vaart van Batavia Cavro den 2 Iulij 1756. na Mocha en Cairo den 2. ' Julij 1756. Jan „vrij en open was en dat zij vrijelijk mogen komen met hunne schepen kooplieden, en koopmanschappen na Sulz„ na Stiez„ daar zij zullen geholpen en beschermt werden op de zelve manier, als in andere havens onder het gebied van den groten heer, en dit zal een Handel zijn van groot voordeel en advantage voor de hollandsche Heeren; als de kooplieden van Cairo, die Jaarlijx goederen en koop„ manschappen tot Judda gaan koper ten minsten 30 p„r C=to winnen en wat de winst is van India na Judda geen kopen, ten minsten weeten UE lieden wel, en dit is een gunstig tijds gewricht om direct van Batavia na suez een handel te beginnen, alzo den oorlog tusschen drankrijk en Ingeland gede„ clareert is, als blijkt bij den koning van Engeland zijn gedeclaractie tegens Frankrijk van den 18. may, in 15. Dagen arriveerde van Marseilles tot Alexan„ drijen op den 23 Junij pass„o een fransche tartane, met advisen dat de franschen tot Dortmahon hebben ontscheept 14n man den 18. ' april, dat zij de Citadel genomen hadden, maar het Casteel =tPhilippus was wel voorsien en verdedigde zich Den Engelschen admiraal Bing, heeft met Van Mocha Cairo Den 2.' Julij 1756 met 17. oorlog schepen slag gele„ „vert aan 17. ' Fransche oorlogssche„ „pen, den 20 maij, 5 Mijlen van Mahon, maar na twee uuren en een half gevechts, zijn zij door de sterke wind en on„ stuijmige zee gesepareert met weijnig schade van Weerskanten de hollanders en Spanjaars blijven mutraal; daar zijn van brest vertrokken 20 schepen van Linie met 12 fregats, maar niemant weet hun dessein, men meent voor america; zij maken grote toebereidselen in Frankrijk om een inval in Engeland te doen, de hollanders hebben 6000: man Klaar voor Engeland, en die van hanover tee 12 bataillons; Met deze occagie zend ik zijn Exceltentie den Generaal van Batavia een Copia van de Bashas firman, ten voordeele van de hollandsche natie, en ik twijffel niet, of hij zal een hollands schip zenden geladen met specerijen etc=a alzo met dezen oorlog de specerijen dagelijx zullen reijzen en zij moeten een groote winst en voordeel : 1: Mocha en Fairo den 2 Julij 1756 Van voordeel doen. — Denlijk zijn 3 schepen van Iudda gearriveerd en de Coffij is van 24 tot 30 piasters opgeslagen met apparentie, dat zij nog meer zal Rijzen. — Ik verzoek, den heer, die dezen brief opent het antwoord per brenger dezes te zenden; heeren /: UE gehoor„ Samen Ootmoedigen Dienaar Samuel Busler, p Robert Hughes Consul generaal in Egijpten, UE: E: heeft g'incloseert de Copij in Litaliaans /:onderstond:/ voor de Translatie uijt het Engelsch Cochim den 2 8ber: 1757. /:was getekend:/ A: V: vechten secret„s /:laager:/ accordeert p /:was getekend:/ Jacob„s Weijn l„t Clercq /:in margine :/ nagesien P„r C„l muller Behage e „ . - Mocha„ Cairo den 23 July 1756 Van Behage het uw Excellentie Het bovenstaande is triplicaat van 't geene ik d'Eere gehad hebbe aan uw Excel„ „lentie te schrijven, welkers origineel, ik door eene Ian Roos, geboortig van Bata„ via overgezonden hebbe, ik heb er een Copia van na Iudda met een najab of Expresse gesonden, verhopen de hollandsche schepen aldaar te vinden, bij welkers te rug komste deese uW. Exceltentie bekomen zal, en zal deeze dienen om uw Excellen„ tie te berigten, dat God zij lof, alle zaken zig alhier na wensch geschikt vonden„ en alle zwarigheden wegens den handel tusschen Europa en Egijpten uijt de weg geruijmt zijn, en dat er een vrijen handel open is tusschen groot Cairo en ƒ - Amsterdam, tot groot vergenoegen van de hollandsche natie, ik hebbe van gelijken alle mogelijke moeijte aangewend, om den handel van holland nog meerder te vergroten, door het openen van den handel tussen batavia en Egijpten, en ten dien Eijnde hebbe ik grote gesprecken gehad met onsen tegenswoordigen Gou„ verneur Allij Basha Haekim, oglii, onlangs groot visier te Constantinopolen dewelke d
English
Mocha and Cairo, the 23rd of July 1756. From who clearly perceived the mutual advantages that Batavia and Egypt would derive from such a trade, has seen fit to write to Your Excellency the enclosed Turkish letter, the contents of which accompany this, which is sufficient assurance for Your Excellency and the Honorable Company to lose no time in making a trial of the Cairo market with a consignment of spices, Indian goods, and porcelains. And since the toll at Suez belongs entirely to the Basha, being part of his revenue, Your Excellency may be assured that he will do everything possible to favor the Dutch nation and its ships arriving at Suez, because his own interest depends on it, so that this so profitable branch of commerce is now free and open again to the ships of Their High Mightinesses, and Your Excellency may rely on finding as much protection and assistance here as in any other part of the Grand Signior's domain. It being a great pity that so profitable a trade has been at a standstill for so long, because Indian goods, even though purchased at Judda by the Cairo merchants, yield at least 30 percent From Mocha and Cairo, the 23rd of July 1756. 30 percent from Judda here, and Your Excellency is well enough aware what the profits from India to Judda are, as well as the advantage of sending spices and Indian goods directly from Batavia to Suez, since there is no necessity to go to Judda first. Thus I do not doubt that Your Excellency and the Honorable Company, after mature consideration, will lose no time in making a trial of this lucrative trade by dispatching a ship directly from Batavia to Suez, ordering the captain or supercargo thereof to send me an express courier upon his arrival at Suez, since it is only two days' journey from this place. I will then be able to send the proper officers with the Basha's firman, or give the necessary orders to assist in unloading the ship and transporting the cargo to Cairo, where the aforementioned merchant gentlemen Abdolla and Name Carme, and Nicolo Mafuid will immediately be able to dispose of it to great advantage. And now that there is war between England and France, it must be very advantageous for the trade of the Dutch. A French ship From Mocha and Cairo, the 23rd of July 1756. ship arrived at Alexandria eight days ago after a journey of 14 days from Marseille, reports to us that it encountered a fleet of 20 French warships and 200 transport ships with 18,000 men on board, sailing from Toulon to Port Mahon to besiege that place, which was confirmed by the newspapers from Livorno arriving here 25 days ago with a Swede. Yet we do not hear that there is any English squadron in the Mediterranean Sea to check them in their designs, according to all reports, the Dutch and the Spaniards being still neutral. The French, upon their departure from Toulon, had not yet declared war, though we expect to hear of it at any moment. The English have likewise, without having declared war, taken more than four hundred French ships in the Ocean and Mediterranean Sea, so that we daily expect to hear tidings of the declaration of war, and cannot fail to presume that From Mocha and Cairo, the 23rd of July 1756. that the English must have a squadron ready to observe the French. Here enclosed is a price current of the spices as they are sold in Cairo today, and with this war, their prices must rise considerably, since insurance on French ships from here to Marseille is from 25 to 30 percent. I shall await Your Excellency's advices concerning the Honorable Company's decisions in regard to this profitable trade, which I can assure Your Excellency can now take place with the greatest ease, security, and profit. And since I am now so well established in the Consulate, I can render all possible assistance for the disposal of the cargo and the repurchase of goods, and the shipment thereof from Suez to Batavia via Judda, where various goods yield much profit, even indeed to send remittances from Cairo to Amsterdam or Livorno on neutral ships. So I do not doubt in the least that the Company will make a trial of it, and never could this happen under more fortunate circumstances, which I hope will compensate for the trouble and Mocha and Cairo, the 23rd of July 1756. and expense with which I have had to help set the trade of the Dutch nation to Egypt in motion again. Consul Robert Hughus went to Alexandria a few days ago and will return within 10 days, so I shall conclude this, asking Your Excellency's pardon for having detained you so long, and remain with all respect, Grand Cairo, the 30th of June 1756 The Hague, Your Excellency I refer to the accompanying quadruplicate of the 27th of February and copy of the 12th of May, which I send strongly recommended to Judda to be forwarded to Your Excellency, so that I hope one or the other will reach Your Excellency's hands, and that Your Excellency will have already taken into consideration that there could never be more advantageous circumstances for this valuable and profitable branch of commerce than at present, since war between France and England has been declared, as we learn through news with
Dutch transcription
Mocha en Cairo den 23 Julij 1756. Van dewelke duijdelijk ontwaarde de wederzijdse advantagien, Die Batavia en Egijpten van zulk eene handel zoude trecken, heeft goed „gevonden uw Exceltentie d' inleggende turkse brief te schrijven, welkers inhoud hier nevens gaat dewelke een genoegsaame versekering ƒ voor uw Excellentie en d' E: Comp: is, om geen tijd te verliesen, om een proef te nemen van de Cairose markt, met een bezending van Specerijen indische goederen, en porcelij„ 1 nen En vermits den thol tot sues geheel geheel aan den Basha toehoord, zijnde gedeel„ — ƒ te van zijn inkomste zo kan uw Excellentie verzekerd zijn, dat hij alles mogelijk doen zal, om de hollandsche natie en haare schepen die de zuls komen, te bevoordelen, dewijl van 't zelve zijn intrest afhangt, zo dat deeze zo voordelige dak van negotie nu vrij en wederom open is, voor de schepen van haar Hoog mogende) en uw Excellentien - e Aan staat maken, dat zij al zo veel protectie en behulpsaamheid alhier als in „ eenig ander gedeelte des groten heer 's gebied, zullen ontmoeten, zijnde zeer - Jammer dat eene zo voordeligen handel zolange stil gestaan heeft, want d'indische goederen al schoon te Iudda door de Caijrose Kooplieden ingekogt, geven ten minsten rto 30 prC=to 2 Van Mocha en Cairo den 23 Julij 1756. 30 p„r C=to van Quada hier, en uw Excellentie is genoeg bekend wat de winsten van India na Iudoa zijn zo wel als het voordeel dat er is op 't zenden van Specerijen en Jndische goederen direct van batavia na Suez vermits er geen noodsakelijkheit is om na Iudda Eerst te gaan, zo dat ik niet twijffele of uw Exceltentie en dE: Comp: zullen na rijpe overweging geen tijd verliesen, om van desen winst afwerpen„ de handel een proef te nemen, met de bezending van Een schip direct van Bata„ „via na suls den Capitain of supercarga daar van gelastende om mij bij zijn aan„ komst re suez Een Expresse toe te zenden vermits het maar twee dagen reijsens van deeze plaats aflegt, en ik als dan de behoorlijke officiers met s' bastas te firman zal kunnen afsenden, of de nodige ordres geven om hulpsaam te wezen, tot de lossing van 't schepen de overvoering van de Lading na Caijzo, al„ waar de voorm: heeren Cooplieden abdolla en Name Carme, en Nicolo Mafuid dezelve ten eersten zullen kunnen omzetten, tot groot voordeel en nu „ ƒ dat er oorlog „tusschen Engeland en frank„ „rijk is, moet het zeer voordeelig zijn voor den Handel der hollanders, den fransch schip Van Mocha en Cairo den 23 Julij 1756. schip over agt dagen tot alexandria na Een reijs van 14: dagen, van marseille gearri„ veerd, berigt ons dat hij een vloot van 20 fransche oorlog schepen en 200 hondert transport schepen met 18000 man aan boord, ontmoet heeft, gaande van Toulon na portmahor, om die plaats te belegeren, 't welk door de Couranten van Livorno nu 25 dagen geleden alhier met een zweed g'arriveerd, werd be„ „vestigd dog wij vernemen niet, dat er Enig Engelsch esquader in de middel lantsche zee zoude zijn, om hun in hunnen de sijnen te stuijten, volgens alle berigten, zijnde hollanders en de spanjaards nog neutraal, de fran„ „vertrek „schen op haar „ van toulon, hadden d'oor„ log nog niet gedeclareert dog wij ver„ „wagten zulx alle ogenblicken te vernemen De Engelschen hebben insgelijx zonder d'oorlog te hebben gedeclareert meer als vier hondert fransche schepen in denoceaam en middelandsche zee genomen, zo dat wij daaglijks verwagten tijding van de oorlogs declaratie te hooren, en kunnen niet nalaten te veronderstellen dat Van Mocha en Cairo den 23 Julij 1756. dat de Engelschen een Esquader moeten klaar hebben, om de franschen te obser„ veeren. Hier inne een prijs Courant van de specerijen zo als dezelve op heden in Caijro werden verkogt en met desen oor„ „log, moeten dezelve zeer in prijs ver„ „hogen, dewijl de assurantie op Fransche schepen van hier na manseilles van 25. a 30 p„r C=to is. — ik zal uw Excellenties berigten wegens s E: Comp„s besluijten afwagten ten opsig„ „ten van deese voordelige handel die ik uw Excellentie kan verzekeren dat nu met het grootst gemak, securiteit en winst derving kan geschieden, en vermits ik nu zo wel in't Consulaat gezeten ben, zo kan ik alle mogelijke hulp tot d'omsettinge van het Carqua„ soen en weder inkoop van goederen, en de versending derselve van Sulz na Batavia over Judda alwaar diverse goederen veel winst geeven, Ja zelfs om rekouren van Caijro na amsterdam of Livorno op neutraale schepen te zenden, zo dat ik in't minst niet twijffele of de Comp: zal er Een proef daar van nemen en nooijt konde het zelve voorvallen in geluckiger tijds omstandigheden, die /:hoop ik /vergoeden zullen de moeijte en „ MMocha en Cairo den 23 Julij 1756. E Van en kosten met dewelke ik de negotie der hollandsche natie op Egijpten weder aan de gang heb moeten helpen. Den Consul Robert Hughus is voor eenige dagen naar alexandria gegaan, en zal binnen 10 dagen wederom komen zo dat ik deeze zal besluijten uw Excellen „bas, soo lange te hebben opgehouden „tie Excus versoekende „ en met alle respect blijve Groot Caijro den 30 Junij 1756 De hage het Uw Excellentie Ik refereren mij aan de nevensgaande quardruplicaat, van den 27 febr: en Copia van den 12. ' maij dewelke ik zende, sterk gerecom„ „mandeert na Judda, om aan uw Excellentie verder te werden gezonden, zo dat ik ver„ „hoope dat de eene of andere uw Excellentie„ E „wel ter hand komen zal, en dat uw Excellentie „bereeds in Consideratie zal genomen hebben, dat er nooijt voordeliger omstan„ „digheden voor deeze waardige winst gevende tak van negotie, konde zijn, als tegenswoordig vermits de oorlog tusschen vrankrijk en Engeland gede„ „clareerd is, zo wij vernemen door tijding met ..
English
Mocha Cairo the 30th of June 1756. With a French tartane that arrived at Alexandria from Marseilles on the 23rd instant, which informed us that the French had made a landing of 14000 men at Mahon and that they had already captured Ciutadella, but that Fort St Philip, which is well fortified and provided with provisions, still offered resistance, as well as that on the 20th of May Admiral Byng with 19 ships attacked the French fleet of 17 ships, and that when all the masts of the English admiral were shot overboard, the English retreated. The battle took place two miles off Port Mahon, and some say that during the battle, fire was steadily kept up from the fort upon the French, but all this is French news; however, they all agree that a naval battle has occurred, and some news received by the Jews reports that the English had the upper hand. It is said that a ship from Ragusa arrived at Alexandria from Livorno in 22 days. We are expecting at any moment the letters that it brought, and if they should have arrived before the closing of this, I shall communicate to your Excellency the news that it brought. The French are making great war preparations at Dunkirk and Brest to make a landing. Spain has promised England to remain neutral. The Dutch are about to send over 6000 men to England, and Hanover holds 12 battalions in readiness to march to England in case the French should make a landing in England. The King of England declared war against France on the 18th of May, as can be seen from the printed declaration of war. Held until the 2nd of July. The letters from Livorno up to the 2nd of June have arrived, which report that a Swedish ship had arrived there, whose captain pretended to have seen the battle of Mahon and that several ships had their masts shot away, but that he had not been able to distinguish what ships they were. He also confirms that the Dutch and Spaniards are still neutral and that the latter had promised England to remain so, as well as that the Castle of St Philip defended itself well, having 3900 men in the garrison. It is also reported that a fleet of 20 French warships and twelve frigates has sailed from the port of Brest, presumably for America, whither the English have also sent a large fleet. This is all the news that we have here at present. We expect two other ships from Livorno at Alexandria, and I shall communicate the news that they bring to your Excellency by the caravan that will depart for Mecca within 24 days. The Jeddah ships have lost their voyage this year, and no more than three have been able to reach it, so that the price of coffee has risen from 24 to 30 piastres, and that product to all appearances will become still dearer. No better circumstances could be found to send a ship from Batavia to Suez, as Indian goods will surely yield a great profit, especially spices, which through the scarcity we currently have of them must certainly become dearer with this war. I do not doubt that your Excellency and the Honorable Company will take this advantageous trade into consideration and, without loss of time, make a trial of the Egyptian market by sending a ship, since it can be done with so much security and profit. Herewith I send your Excellency the firman of the Pasha in Turkish and English, from which your Excellency will be able to observe with how much security the Dutch ships can come to Suez. I retain with me the original firman until the arrival of a Dutch ship, when I shall send it to Suez with a capable man to help unload the same and transport the cargo to Cairo. Consul Hughes is still at Alexandria, as his family lay ill there; his daughter has died of smallpox, but I expect him back within seven to eight days. I remain with very great respect. May it please your Excellency, Mocha and Cairo, the 23rd of July 1756. May it please your Excellency, I refer to the enclosed duplicate of the 12th of May and copy of the 2nd of July which Mr Butler wrote to your Excellency during my absence, and I hope that your Excellency and the Honorable Company, having read the same, will have resolved to make a trial of the Cairo market and will have sent us a cargo of spices and Indian goods, since this advantageous branch of commerce is currently open and free. Circumstances could never have been more favorable, as war has been declared between the English and French, which was further confirmed by the latest Italian newspapers that arrived at Alexandria on the 15th instant in 16 days from Livorno, so that spices here will become very dear, and our Pasha is so inclined to be helpful to our nation and to promote this new trade; and since trade can now take place with so much security and profit, I do not doubt in the least that I shall find myself honored before long.
Dutch transcription
17 Mocha Cairo den 30 Junij 175 Van met Een fransche Tartar die op den 23 Courant van marseilles te allexandrijen gearriveerd is, dewelke ons berigte dat de franschen een lading van 14000 man te mahon hadden gedaan en dat zij lieden bereedse te Citarel berovert hadden dog dat fort S=t Philippus uijt welke wel gefortificeert en met provisien voorsien is nog we„ „derstand bood mitsgaders dat den 20. maij den admiraal Bing de franschen vloot van 17 schepen met 19 schepen g'attacqueerdt heeft en dat toen den En„ „gelschen admiraal alle zijne masten over boord geschoten waren, de Engel„ „schen zig geretireerd hebben het gevegt is geschied twee mijlen van Dort mahon aff, En sommige zeggen, dat gedurende het gevegt, uijt het fort op de franschen gestadig gevuurd „ worden is, dog al dit is fransch nieuws, egter komen zij alle over Een, dat er een zee gevegt voorge„ vallen is, en Eenige tijdingen die de Jooden ontfangen hebben, berigten dat de Engelschen de overhand hebben gehad, het werd gezegt dat er een schip van Raguze dat in 22 dagen van Livorno te alexandria g'arriveerd is, alle ogenblicken verwagten wij de brie„ „ heeft ven die zij meede gebragt „ en zo te 6 Mocha en Cavro den 30 Iunij 1756. Van zo dezelve voor het sluijken deeses mogten g'arriveerd zijn, zal ik uw Excellentie bedele„ de tijding die zij meede gebragt heeft, de franschen maken veel oorlogs toerusting te Duinkerk, en brest, om een landing te doen, spanjen heeft aan Engeland belooft om Neutraal te blijven, de hol„ „landers staan 6000. na Engeland overte„ Zenden, en hanover houd 12 bataillons in gereedheijt, om naar Engeland te mar„ „cheeren ingevalle de franschen een Landing in Engeland mogten doen de koning van Ingeland heeft op den 18. ' maij den oorlog tegens vrankrijk gedeclareert gelijk te zien is bij de gedrukte oorlogs declaratie. - Gehouden tot den 2 Julij De brieven van Livorno tot den 2 Junij zijn g'arriveerd dewelke berigten dat een sweeds schip aldaar g'arriveerd was waar van den Capitain voor gaff het gevegt van mahon te hebben gezien en dat verscheijde schepen haar masten weggeschoten hadden dog dat hij niet hadde konnen onderscheijden wat schepen to het waren, hij Confirmeerd ook dat de hollanders en spanjaarss nog neu„ traal zijn en dat deeze laaste Engeland 15 Van Mocha en favro den 20 Junij 1756 „met deesen oorlog duurder zullen werden, door het gebrek dat wij en thans aan hebben moeten zeekerlijk Engeland beloofd hadden zodanig te blijven, mitsgad„s dat het Casteel van S=t Philip zig wel verweerde hebbende 3900 man in't guarnisoen men berigt meede dat een bloot van 20 fransche oorlogschepen, en twaalf fregatten, uijt de haven van brest gezeijld zijn, presumptive voor America, alwaar de Engelschen meede een groote vlood gesonden hebben, dit is al 't nieuws dat wij tegenswoordig hier hebben, wij verwagten nog twee andere schepen van Livorno te alexandria, en ik zal de tijding die zij meede brengen, aan uw Excellentie per de Caravaan die binnen 24 dagen na mecca zal vertrekken, bedeelen, De Juddase schepen hebben hunne reijs dit Iaar verloren, en niet meer als drie hebben suls kunnen bereijken, zo dat de prijs van de Coffij aan 24 op 30 p„s gesteij„ „gerd is, en dat product zal naar oog schijn nog duuren werden geen beter omstandigheden konden gevonden werden, om een schip van ba in de Indische goederen „tavia na Suez te zenden, vermits de specerijen zekerlijk veel winst komen aftewerpen ik twijffele niet of UW Excellentie en de E Comp: zullen deese voordeelige handel in Consideratie nemen Van Mocha en Cairo den 30 Junij 1756. nemen en zonder verlies van tijd, door de bezending van Een schip, een proef nemen van d' Egijptische markt, dewijl het met zo veel securiteijt en winst gedaan kan werden. — Dier nevens zend ik uw Excellentie de fierman van den Basha in 't Turks en Engels waar bij UW Excellentie zal kunnen ontwaren met hoe veel securiteit de Hollandsche schepen de Sues kun„ „nen komen, ik houde bij mij d'originele to fierman tot de komst van een Hol„ „landsch schip, wanneer ik het zelve na Sues met een bequaam man zenden zal, om 't zelve te helpen lossen, ende Carguasoen na Caijro overte, „voeren G Consul Hughes, is nog te alexandrijen, vermits zijn familie aldaar ziek lagen zijn dogter gestorven is aan de kinder Pokjes, maar ik verwagt hem te rug binnen Seeven a Agt dagen Ik ben met zeer veel respect Behaage 3 17 Van Mocha en Cairo den 23 Julij 1756. Behage het uw Excellentie Ik refereren mij aan het nevensgaande duplicaat van den 12. ' meij en Copia van den 2 Iulij die de heer Butler uw Excellentie gedurende mijn afwezen heeft geschreven, En ik hoop dat uw Excellentie en d' EComp: dezelve gelezen hebbende, zig zal gere„ „solveerd hebben, een proef van de Caijro„ „sche markt te nemen, en ons een lading van specerijen en Jndische goederen zal hebben toegesonden, dewyl deese voordelige zak van negotie, thans open en vrij is, nooijt hadden d' omstandigheden voordeliger kunnen zijn vermits d'oorlog tusschen de Engelschen en Franschen gedeclareerd is, 't welk nader bevestigd werd bij de Jongste italiaanse Courant, die op den 15. ' dezer in 16 dagen van Livor„ no te alexandrijen g'arriveerd zijn, zo dat de specerijen alhier zeer duur zullen werden, en onze Basha zo gene„ „gen is onse natie behulpzaam te wezen, en deezen nieuwen handel voorttezetten, en vermits de handel nu met zo veel Securiteit en winst kan geschieden zo twijffel ik in 't minst niet, van mij binnen korten verEerd te vinden - . . .
English
Mocha and Cairo, 23 July 1756. to find myself honored with Your Excellency's orders, which will always serve to my honor. A few days ago I arrived from Alexandria, having brought my whole family with me in order to settle completely in this city, and thus to be able to be all the more helpful to the Dutch ships that arrive at Suez. Letters from Livorno report that the English Admiral Byng has defeated the French near Mahon. Some report that he sank 4 French ships, others again that he captured eight French warships and forty transport ships. However, all reports agree that he defeated the French and brought 2,000 men into Fort Saint Philip, which is defending itself bravely. Other letters say that the Queen of Hungary is marrying her son Joseph to a daughter of the King of France, and that an alliance has been made between those two crowns; however, this requires confirmation. Holland and Spain are still neutral. Prussia and the Duke of Savoy are in alliance with England. We daily await further news from Livorno, and I shall impart the delivered news to Your Excellency. Herewith I send Your Excellency a duplicate copy of the Pasha's letter in English, and a copy of the firman. I hope that Your Excellency will have already received the copy of the same in Turkish, and to find myself soon honored with Your Excellency's orders. I remain with much respect, below it stood, may it please Your Excellency, lower, your very obliged and obedient servant, was signed, Robert Hughes. In the margin stood: Grand Cairo, 23 July 1756. Below it: translated by, was signed, SL Garrison, Notary. To the greatest of the princes of the nation of the Messiah, the Governor of Batavia, whose end may be fortunate, whom I greet friendly and wish all health, fortune, and joy. After which I let Your Excellency know that whatever spices Your Excellency may send with the Dutch ships to Suez, such as pepper, cinnamon, cloves, nutmegs, and other kinds of spices and Indian goods from Batavia and all other places under Your domain, according to the capitulation with the Sublime Porte, those goods shall pay no more than 3 per cent duty and nothing more under whatever pretext it may be, and that your merchants will be allowed to load all kinds of goods for returns, whether Egyptian or other products, for their own account directly from Suez to India, and that they will be allowed to take on freight from Suez to India all kinds of goods, forbidding everyone to cause them any trouble or hindrance on whatever pretext it may be. The esteemed of the Messiah faith, Robert Hughes, Consul General of Their High Mightinesses the States of Holland, resident at Cairo, having requested our firman by virtue of the most sacred capitulation with our Emperor, we have granted him the same, and as proof thereof we have written this to assure you that everything will be observed according to the Imperial Capitulation with respect to the duty of 3 per cent and all the rest. Below was signed, to the side between two marks, Ali Pasha of Cairo. Further stood on the original, in the margin stood: P.S., and at the top: Translation of the letter from Ali Pasha to His Excellency the Governor-General of Batavia, and below that: translated by, was signed, L Garrison, Notary.
Dutch transcription
Mocha en Tacro den 23 Julij 1756. Van vinden met uw Excellenties beveelen dewelke mij althoos tot Eere strecken zullen Ik ben 't zedert weijnige dagen van alexandrijen gearterteerd en mijn heele famielie met mij gebragt om mij geheel in deze stad neder te zetten om mij geheel en dus de hollandsche schepen die te sues komen des te behulpsamer te kunnen zijn. — Brieven van Livorno berigten, dat den Engelschen admiraal Bijng, de Franschen geslagen heeft, omtrent mahon, som„ t „mige melden dat hij 4 fransche schepen in de grond heeft geboord, andere wede„ rom dat & hij agt fransche oorlogen veertig transport schepen, heeft veroverd, egter alle berigten komen over Een dat hij de franschen geslagen en 2000 man in't fort S=t Philip heeft gebragt, het welk zig dapper diffen„ „deerd, andere brieven zeggen dat de koningen van Hongarijen haar zoon Joseph aan een dogter van den koning van Vrankrijk uijthuwelijkt, en dat er een alliancie gemaakt is tussen die twee kronen, egter verEijscht zulx bevestiging, holland en spanjen zijn nog neutraal pruijssen en den hertog S Van Modha„s Cairo. den 23 Julij 1756. Hartog van savoijen zijn malliantien met En„ geland wij verwagten dagelijx nadere tijding van Livorno en ik zal uw Excellentie het aengebragte nieuws bedeelen. hier nevens zende ik uw Excellentie tu pli„ caat: Copia des baskas brief in Engelsch en Copia vanden firman ik hoope dat uw Excellentie de Copia vandeselve in't Turks bereeds zal bekomen hebben en mij binnen korten verEerd te vinden met uw Excellentie bevelen ik blijve met veel respect /onderstond/ behoege uw Excellentie (lager hun seer verpligten en gehoorsame dienaar /was getekent/ Robbert Hughus /in margine/ stond:/ groot Cairo den 23. Julij 1756. daer onder getranslateerd door / was getekent/ SL Garrifon Notaris Aande grootste der prinsen vande natie des messias de Gouverneur van batavia wiens eijnde geluk mag zijn dewelke Jk vriendelyk groote en alle ge soudheijt geluk en vreugde toewensche waar na ik uw Excellentie laat weeten dat wat specerijen uw Excellentie met de hollandsche schepen nasues kome te zenden als peper, Caneel nagulen Nooten en an„ dere zoorten van specerijen en indischee goederen van batav: en alle andere plaetsen onder Mocha en Sacro den 23 Julij 1756. Van vinden met uw Excellenties beveelen dewelke mij althoos tot Eere strecken zullen Ik ben 't zedert weijnige dagen van alexandrijen geacterteerd en mijn heele famielie met mij gebragt om mij geheel in deze stad neder te zetten om mij geheel en dus de hollandsche schepen die te sues komen des te behulpsamer te kunnen zijn. — Brieven van Livorno berigten, dat den Engelschen admiraal Bijng, de Fanschen geslagen heeft, omtrent mahon, som„ „mige melden dat hij 4 fransche schepen in de grond heeft geboord, andere wede„ rom dat & hij agt fransche oorlogen veertig transport schepen, heeft veroverd, egter alle berigten komen over Een dat hij de franschen geslagen en 2000 man in't fort S=t Philip heeft gebragt, het welk zig dapper diffen„ „deerd, andere brieven zeggen dat de koningen van Hongarijen haar zoon Joseph aan een dogter van den koning van Vrankrijk uijthuwelijkt, en dat er een alliancie gemaakt is tussen die twee kronen, Egter verEijscht zulx bevestiging, holland en spanjen zijn nog neutraal pruijssen en den hertog Van Modea= Cairo den 23 Julij 1756. Hartog van savoijen zijn malliantie met En„ geland wij verwagten dagelijx nadere tijding van Livorno en ik zal uw Excellentie het aengebragte nieuws bedeelen. hier nevens zende ik uw Excellentie tu pli„ caat: Copia des baskas brief in Engelsch en Copia vanden firman ik hoope dat uw Excellentie de Copia vandeselve in't Turks bereeds zal bekomen hebben en mij binnen korten verEerd te vinden met uw Excellentie bevelen ik blijve met veel respect /onderstond/ behoege uw Excellentie (lager/ uw seer verpligten en gehoorsame dienaar /was getekent/ Robbert Hughus /in margine / stond:/ groot Cairo den 23. Julij 1756. daer onder getranslateerd door / was getekent/ SL Garrifon Notaris Aande grootste der prinsen vande natie des messias de Gouverneur van batavia wiens eijnde geluk mag zijn dewelke Jk vriendelyk groote en alle ge soudheijt geluk en vreugde toe wensche waar na ik uw Excellentie laat weeten dat wat spelerigen uw Excellentie met de hollandsche scheepen nasuls kome te zenden als peper, Caneel nagulen Nooten en ans„ dere zoorten van specerijen en indischee goederen van batav: en alle andere plaetsen onder Van Mocha Cairo den 23 Julij 1756 onder uw Gebied ingevolge de Caputilatie met de hooge porte die goederen niet meer zullen betalen als 3: pC: thol en niets meer onder wat pretext het ook zijn en dat uw Cooplieden tot retouren zullen mogen laden allerhande goederen 'tsij Egijpatische dan wel andere producten voor hun eijge reekening di„ rect van sues na Jndia en dat zij sullen mogen op vragt neemen van suls na Jndie allerhande goederen verbee„ dende en ieder en hun op wat pre„ text het ook zij Eenig molest beim„ der toete Rrengen De hooge vande messiaschs geloof robert: Hughes Cousue Generaal wan haer hoog mogende destaten van holland resident tot Cairo onsen biaman versogt hebbende uijt kragte vande 't allerheij„ G ligste Capitulatie met onse keijser zo hebben mij hem het selve vergunst en tot bewijs vandien hebben wij dit Gesz: den uw te versekeren dat alles geobserveert zal werden, ingevolge 'skeijserlijke Capatilatie ten opsigte vande thol van 3 pC: en al 't overige, onderstond gete„ kent, ten zijde tusschen twee staakjes Allij Basha of Cairo /verderstond/ aan het orig: „mn margine / stond/ P: S: en in Capite Trans„ laat vande brief van allij basha aan zijn Excellentie den Generalen van batavia en daer onder getranslateerd door /was Getek:/ L Garrison notaris
English
21 From Mocha Cairo under date 23 July 1756 This chief and principal signature serves to make known that in the city of Grand Cairo the most elevated among the Christian nations, Robert Euglier, Consul General of their High Mightinesses the States General of Holland, whose end may be in happiness, has requested that the Dutch ships and their merchants should be permitted to come from Batavia and the remaining parts of India that belong under their authority, laden with their spices, pepper, cinnamon, cloves, nutmegs, and all other sorts of spices, and Indian linens and fabrics, together with all kinds of porcelain, to Suez, and upon their arrival there they shall pay 3 per cent toll, which having paid, no one shall be allowed to demand anything further from them nor make them pay any further tolls, since this is in accordance with the holy Capitulations of the Sublime Porte, and nothing further shall need to be paid, except the hire of the camels that transport their goods across to Cairo. Each ship shall at Suez pay three hundred From Mocha Cairo under date 23 July 1756 hundred aspers anchor money, and nothing further shall anyone be allowed to demand from them. And for their returns it is permitted to them to purchase and load for Batavia or other parts of India all kinds of European goods or all kinds of products of India, and no one shall have the power to cause them any molest or be a hindrance to them. To that end we have granted this our firman, and according to its contents it must be observed. We command everyone to give due obedience thereto and not to permit anything contrary to this to happen. Underneath stood: Given 8th Ramadan 1169. Lower down: 30 May anno Christi 1756. Beneath that: Translated by me, was signed: S. L. Garrison, Notary. Translation of Arabic letter written by the broker and cashier of the Dutch East India Company in the name of Said Saleh and Mochamad Moerad at Mocha To His Excellency the Right Honourable, Most Worshipful Lord Jacob Mossel, Governor General of Netherlands India, received at Batavia 26 February 1756. After some preceding expressions of praise, the content of this reads as follows: Further, the reason why we dispatch this letter from 28. From Mocha Cairo under date 23 July 1756 from Mocha (the city of abundance) is because we very much desire to be able to hear of your good health, after which we have inquired several times, having finally through God's goodness perceived such. If your Honour should inquire after ours, we are by God's help still fresh and healthy. If your Honour pleases to know how matters stand in the merchant city of Mocha, it serves to report that in this year not a single ship of your Honour has been seen here, nor any French or English ship direct from Europe, much less from Bengal, only the following vessels having arrived here and at Jeddah during this monsoon, to wit: two small English vessels from Bombay, and one ship from Surat having with them Mohammedans, the owner of the said vessel being named Salbi; also two ships from Surat have arrived at Jeddah, namely one English and the other likewise with Mohammedans, belonging to the person named Danrali; these said ships were all laden with merchandise from Surat; in addition, two more ships from Calicut manned with Mohammedans have arrived here. As concerns the price of the coffee beans, we declare sincerely that it has greatly decreased in the village of Beit el-Faqih, for one now pays there for the bahar 62, also 65, and at the very highest 68 Spanish reals, which is still a reasonable price. We gave in the previous year to the captain of your Honour's vessel coming from Surat a letter addressed to you for delivery, wherein we made our complaint regarding that which we had from Zeeman; subsequently it came to our ears that the letter had been taken along by your Honour's captain Marsies, and that the same, being in a war at Surat, at Surat had deserted to the English, consequently it was also not received by us; the Almighty knows best the truth thereof. In the past year there arrived here from Misr or Egypt the mate Jan Roos, being a Dutchman, to whom on account of our respect for you all that he desired was granted, and secondly because we had previously given him a letter to deliver to you, the contents of which were known to him, and who when questioned might be able to impart some news; therefore we await a further reply to the one and the other. There is a letter brought from Egypt to Jeddah by the English, addressed to His Excellency, and subsequently delivered to us by the servant of the English named Banyan, and at the same time sent to Batavia, because we also are your Honour's servants. Written the 4th of the month Dhu al-Hijjah 1170, being the 20th of August 1757. From Mocha Cairo under date 23 July 1758. Translation From Mocha and Cairo Translation of Malay letter written by Mahomat Abnoe Maki Harijarah at Jeddah, to His Excellency the Right Honourable, Most Worshipful Lord Jacob Mossel, Governor General of Netherlands India, Batavia, 20 September 1758. This letter is sent with much praise by me, Mahomad Abnoe Maki Harijarah at Jeddah, to the Lord General Mossel residing at Batavia. Further, I make known to the Lord General that I have received a letter from His Right Honour's people at Grand Cairo in Egypt, containing that they had already dispatched a letter to Batavia wherein their affairs were made known, and since they had received no answer thereto as yet, they therefore requested some information from me, whereupon I have let them know that their forwarded letter 158.
Dutch transcription
21 Van Mocha Cairo onder dato den 23 Julij 1756 Deese hoofde en grootste hand teekening dient omte doen weeten dat inde stad van groot Cairo de verheefenste onder des messcials natien robert Eugher Conseel generaal van haer hoog mogen„ de bestaten Generaal van holland wiens eijnde ingeluk zij gere„ questeerd heeft dat de hollandsche scheepen en haere Cooplieden zoude mogen komen van batavia ende overige gedeeltens van india die onder hun gesag hooren geladen met hunne specerijen peeper Canneel, nagu„ een, nooten en alle andere soorten van specerijen en indische linnens en stof„ fens, mitsgaders allerhande porce„ lijnen tot suls en op hunne aenkomst aldaar zullen zij 3: p: C: t hol beta„ len 't welk betaald hebbende nie„ mand hun lieden iets verder zal mogen of Eijsschen nog eenige verdere thollen doen betalen dewijl sulx over eenkomstig is, met de heijlige Capitula„ tie vande hoge porte en niets, ver„ der zal behoeven betaald te wer„ een, Rxcepto de huurre der Cameelen die hunne goederen na Cairo over„ voeren. Jder schip sal tot sulz drie hondert Van Mochacairo onder dato 23 Julij 176 houdert asperts anker geld betalen moeten en niets verder zal men hun mogen of Eijsschen En voor hunne retouren is hun toegestaan om voor batavia ofte andere gedeel„ tens van india allerhande Europische goederen dan wel allerhande Produc„ ten van india inte kopen enladen en niemand zal vermogen hun eenig molest aente doen ok hun hinderlijk weesen Tendien eijnde hebben wij desen onsen firman vergunt en volgens dies inhoude moet het geobserveerd werden, Wij beveelen een ieder onbehoorlijke gehoorsaemheijt daer aante geven en niet toete laten dat iets desen Contrarie geschiede onderstond/ gegeven 8 ste ramima dan 1169. lager den 30 maij anno Christo 1756. daer onder getranslateerd door mij was getekent S: L: Garrison Nots: Translaat arabische brief Gesz door den makelaer ende Cassier vande nederlandse oost Jndise Comp in namees said saleE en Mochamad Moerad Tot Mocha Aan zijn Excellentie de hoogEde„ Heere len groot agtb: Jacob Mossel Gou verneur Generaal van ne„ derlands Jndia ontfangen tot batavia den 36 feb: 1756. Na eenige voorgaende Lof betuijginge luijd de inhoud deses als volgt wijders de reeden waerom wij desen brief van 28. Van Machacairo onderdato den 23. Julij 1750 van Macha /:de stad van overvloedigheijt, /:depechee„ ren is omdat zeer verlangen uw goede welstand temoge, hoonen waer na wij verscheijde male ver„ nanen hebbende Eijndelijk zulx door gods goedheijt ontwaerd den zo uE nade onse mogt vragen wij sijn door godes hulpe nogbris en gesond Bij aldien uE gelieft te weten hoe het met de zaken inde koopstad Mocha gelegen is dient wegen melde wij dat in dit Jaer alhier geen ten schip van uE gezien is nog geen een bransch of Engelsschip direct uit Europa veel min uijt bengal„ zijnde alleen Jndesen mousson alhier en op Jnda de volgende bodems aengekomen te weten twee kleijn Engelsche scheepjes van Mambaij en een schip van souratta met haer hebbende Machamedanen zijnde de Eijgenaar van gem: bodem gen: salbi ook zijn er twee schepen van souratta op Juda gear„ riveert Namentlijk Een begels en het ander mede met machanedanen toebehorende de persoon Gen: Danrali dese gem schepen zijn alle met negotie van souratta Geladen geweest daer benevens zijn nog twee schepen van Calikot met machomedanen be„ „mant alhier Gearrivveert wat de prijs vande Cobbij boonen betreft betuijgen wij ongerijnst dat die seer ge„ daalt is Jnde negorij betalbakeij want men nu voor de blaan aldaer betaalt 62 ook wel 65 mitsgaders het allen hoogst 68 realen spaens het welk nog een tame„ lijke prijs is. wij hebben in het voorige Jaeren met den Capitain van uE bodem, komende van souratta een brief aen nw ter bestel mede gegeven, waer in wij ons beklag dede nopens het geen wij van Zeeman hebben moeten vervolgens is ons ter horen gekomen, dat de brief van uE Capitain Marsies had mede genomen en dat de selve in een oorlog zijnde tot soumatta souratta bijde Engelsdie was overgelopen gevolglijk ook niet bij ons gerecipieerd den almogende is het waere van dien best bekent Jn het gepasseerde Jaer is uijt Miesier ob Egipten alhier gearriveert den stuur„ man Jan roos zijnde een hollander dien uijt hoofden van ons respect voor uw al het geen hij begeert heeft is toege„ volgt ten anderen wijl wij hem bevorens een brief aan uw te overhandigen hadden mede gegeven welkers Jnhoud hem bewust was een wanneer hem gevraagt mogzijn het een en an„ den Nieuws wist mede te deelen, dierhalven verwagten wij op het een en ander nader antwoord Daar is een brief uyt rgypten op Juda door de Engelse aengebragt Geaddresseert Aan zijn Excellentie en vervolgens door den dienaer vande Engelse Genaemt Banijaan, aan ons besorgt, teffens na bata„ ria Gesonden omdat wij ook uE Dienaaren zijn Gesz: den 4 vande maend DJoel„ Eidja 1170. zijnde geweest den 20. augustus 1757. Van Mocha Chairo onderdato den 23 Julij 1738. Hanslaat Van Mocha en Cairo Translaat Malaijse Briefgesz: door Mahomat Abnoe Maki Harijarah tot Djudah, Aan zijn Excel„ „lentie den Hoog Edelen groot Agtbaren Heere Iacob Mossel Gouverneur Gene „raal van Nederlands India Batavia den 20 September 1758. Dezen brief werd onder veel lof gesonden door mij Mahomad: Abnoe Haki Harijarah tot Djudah aan den Heere Generaal Mos„ „sel Resideerende tot Batavia Wijders maak ik aan den Heere Generaal bekent, dat ik een brief van zijn Hoog Edelh=s volkeren tot groot Cairo in Egijpten ontfangen heb, behelsende dat zij lieden bereets een missive waar in haare affaires bekend stonden na Batavia hadden gedepecheerd, en vermits daar op nog geen antw. bequa„ „men, zij dierhalven mijn versogten om eenige narigt waar op ik haarlieden heb laten weten, dat haar overgesondene brief 158.
English
Jan Mocha and Sairo letter sent with the ship Baarlande by the bearer named Abdul Haliel / being a friend of Almas / was properly delivered to the Lord General. Furthermore, if the Lord General in the future might please to write an answer to the aforesaid peoples, for which they very much long, then please address that letter to me first, which I shall then forward to the aforementioned people in Egippten. For the rest, I end this with many greetings to the Lord General and his High Excellency's children, as well as to all those who are dear and worthy to his High Excellency. Written the 15th of the month Dzoelkaida, the year number being unknown to me. / underneath stood / translated for / was signed / E: W: Gordon Checked Js Wijnhout Jan Mocha and Saird letter sent with the ship Baarlande by the bearer named Abdul Haliel / being a friend of Almas / was properly delivered to the Lord General. Furthermore, if the Lord General in the future might please to write an answer to the aforesaid peoples, for which they very much long, then please address that letter to me first, which I shall then forward to the aforementioned people in Egippten. For the rest, I end this with many greetings to the Lord General and his High Excellency's children, as well as to all those who are dear and worthy to his High Excellency. Written the 15th of the month Dzoelkaida, the year number being unknown to me. / underneath stood / translated for / was signed / E: W: Gordon Checked Js Wijnhout Masquette 9 Ao 1758. Collated for the junior merchant Verschuur. Money received the Barbara Theodora received Register of all such letters and papers as were successively received this year from Masquetta the February per [illegible] Register of Papers 1: Report from Captain at Sea Brahé and associates regarding their performance in Sindie, dated 8 May 1757 Page 1. 2. Report as above regarding his performance at Bancahouloe, dated the first of February of this year Page 75. Report from Captain at Sea Simon Rood and associates regarding the trade conducted at Masquetta, dated the 8th of this month Page 77. Translation of a letter written by the governor of Masquetta to this Government Page 105. Ditto ditto by the broker of the Company at Masquetta Narrottam addressed as above Page 107. Price current of various goods to be obtained at Masquetta Page 111. the 10th of March per Register of Papers. Page 64. 1758 Money received the Barbara Theodora received Register of all such letters and papers as were successively received this year from Masquetta the February per [illegible] Register of Papers 1. Report from Captain at Sea Brahé and associates regarding their performance in Sindie, dated 8 May 1757 Page 1. 2. Report as above regarding his performance at Bancohouloe, dated the first of February of this year Page 75. Report from Captain at Sea Simon Rood and associates regarding the trade conducted at Masquetta, dated the 8th of this month Page 77. Translation of a letter written by the governor of Masquetta to this Government Page 105. Ditto ditto by the broker of the Company at Masquetta Narrottam addressed as above Page 107. Price current of various goods to be obtained at Masquetta Page 111. the 10th of March per Register of Papers. Page 64. 1758 From Masquetta, the 8th of May 1758 Folio 1 1 The Daily Register of Diewil Sindie 2 Report of Diewil-Sindie 3, 4 The Expense Accounts of Diewil Sindie and Bancahoulou 5 The Report of Bancahoulou 6 Copy of letters, ship resolutions, and declarations. 7 Invoice of the Diewil-Sindie sample goods 8 [illegible] 9 Note of the remaining goods 10 The receipt of the gunpowder delivered at Bancahoulou Register of Papers From Masquetta, the 8th of May 1758 Folio 1 1 The Daily Register of Diewil Sindie 2 Report of Diewil-Sindie 3, 4 The Expense Accounts of Diewil Sindie and Bancahoulou 5 The Report of Bancahoulou 6 Copy of letters, ship resolutions, and declarations. 7 Invoice of the Diewil-Sindie sample goods 8 [illegible] 9 Note of the remaining goods 10 The receipt of the gunpowder delivered at Bancahoulou Register of Papers From Masquetta, the 8th of May 1758 Batavia To his Excellency The High Noble, Right Honorable, and Widely Ruling Lord Jacob Mossel General of the Infantry of their High Mightinesses the Lords States General of the United Netherlands, and on their behalf Governor General, as well as The Honorable Councilors of the Dutch Indies High Noble, Right Honorable Lord, and Honorable Lords Since we, through the great favor of your High Excellencies, have been appointed to conduct the Honorable Company's important trade both at Masquetta and along the river Diewil Sindie, our efforts have also always been directed towards fulfilling the intention of your High Excellencies as faithful and honor-loving servants with true zeal, and to look after the advantage of the Honorable Company as much as has been within our power, although in this trade we have encountered many obstacles that we completely did not expect. 2
Dutch transcription
Jan Mocha en Sairo brief met het schip Baarlande door den brenger gen:t Abdul Haliel /:zijnde een vriend van Almas. / behoorlijk aan den Heere Generaal was geintrageerd Voorts wanneer den Heere Generaal in vervolg aan voorsz: volkeren antwoord mogt behagen te schrijven, daar zij zeer na verlangen zo gelieft die missive eerst aan mijn te addres „seeren, welke ik als dan aan meer gew: menschen in Egippten zal laten toekomen. Door het orige eijndige ik dezen ondermeenig vuldige groete aan den heere Generaal en zijn Hoog Ed:s kinderen mitsg:s aan alle die geen die zijn hoog Edelen lieff en waardig Geschreven den 15: van de maand Dzoel, „kaida het Iaar getal bij mij onbekent /onderstond / getranslateerd foor / was get:d/ E: W: Gordon J„s Wijnhort:.. ij Nagesien zijn Jan Mochaem Saird brief met het schip Baarlande door den brenger gen:t Abdul Haliel /:zijnde een vriend van Almas. / behoorlijk aan den Heere Generaal was geintrageerd Voorts wanneer den Heere Generaal in vervolg aan voorsz: volkeren antwoord mogt behagen te schrijven, daar zij zeer na verlangen zo gelieft die missive eerst aan mijn te addres„ „seeren, welke ik als dan aan meer gew: menschen in Egippten zal laten toekomen Door het ovrge eijndige ik dezen ondermeenig vuldige groete aan den heere Generaal en zijn Hoog Ed. s Kinderen mitsg:s aan alle die geen die zijn hoog Edelen lieff en waardig Geschreeven den 15 van de maand Dzoel „kaida het Iaar getal bij mij onbekent /onderstond / getranslateerd foor / was get:d/ E: W: Gordon Nagesien J„s Wijnhout... E zijn Masquette 9 A„o 1758. voor den onderkoopman verschuur gecollationeert. # S O geld ontfangen de barbara Theo„ „dora ontfangen Register van alle zodanige Brieven en Papieren als indeezen Iaare successive ontfangen zijn van Masquetta den febr: p: Pas„ Register der Papieren „ 1: Rapport van den Capitain ter Zee Brahé C: S: nopens hunne ver„ rigting in sindie ged„t 8 maij 1757- - „ 2. Rapport van als booven nopens desselfs verrigting te Bancahouloe ged„t primo febr: deezes Iaars - - -. „75. Rapport vanden Capitain ter Zee Simon Rood C: S: weegens de gedreeve hondel op Masquetta ged„t 8 deezer - - - - „ 77. Translaat missive door den gouverneur van Masquetta aan deeze Regeering geschreeven - – – – – „ 105. „o _„o door den Makesaer vande Comp: te Masquet„ ta Narrottam aan als vooren gerigt - - - „ 107. Prijscourant van diwverze op Masquetta te bekomen wee„ den 10 maart per Register der Papieren. - - - - „ 64. zende goederen - - - - - - - Pagena - - - - „. 111. 1758 geld ontfangen de barbara Theo„ „dgra ontfangen Register van alle zodanige Brieven en Papieren als indeezen Iaare successive ontfangen zijn van Masquetta den febr: p„r Pas„ Register der Papieren - . „ 1. Rapport van den Capitain ter Zee Brahé C: S: nopens hunne ver„ rigting in sindie ged„t 8 maij 1757 — 2. „ Rapport van als booven nopens desselfs verrigting te Bancohouloe ged„te primo febr: deezes Iaars - - „ 75. Rapport vanden Capitain ter Zee Simon Rood C: S: weegens de gedreeve hondel op Masquetta ged„t 8 deezer - - „ 77. Translaat missive door den gouverneur van Masquetta dan deeze Regeering geschreeven - – – – – „ 105. „o _„o door den Makesaer vande Comp: te Masquet„ ta Narrottam aan als vooren gerigt - - - - „ 107. Prijscourant van diverze op Masquetta te bekomen wee„ den 10 maart per Register der Papieren. - - - - - „ 64. zende goederen - - - - - - - - - - - „. 111. Pagena 1758 E — Van Masquetta den 8: Maij 1758 fo Det Dag register van Die„ „wils in die Rapport van S Die Wil=sindie De Inrost Reekenings van Die wil sindie en Bancahoulou 5 het Rapport van Bancahoalou Copia brieven scheeps Resoluties en verklaarings. Factuur der wil sin„ diesche mon„ ster goede „ ren Notitie der Restant goederen 10 de quitantie van het Kruijt af„ „gegeeven op Ban„ Cahoulou „ 7 „ 3„ 4 Registeroir Papieren „ 2 „ „ „ 8 1 Van Masquetta den 8 Maij 1758 _o O „ 394 Det Dag register van Die„ „wils in die Rapport van Die Wil=Sindie De Iukost Reekenings van Die wil Sindie en Bancahoulou 5 het Rapport van Bancaldalou Copia brieven scheeps Resoluties en verklaarings. Factuur der wil sin„ diesche mon„ ster goede ren ƒ 9 Notitie der Restent goederen „ 10 de quitantie van het Kruijt af„ „gegeeven op Ban„ Cahoulou 8 „ Registeroir Papieren E „ 2 „ „ „ 7 7 6 „ 1 Van Vasquetta den 8:e Maij 1758 Batavia Aan zijn Extellentie Den hoog Edelen groot Agtbaaren en wijl gebieden„ „dee Heere Jacob Mosse Generaal over de Jnfenterie van haar hoog moogende de Heeren Staaten generael der verEenigde Needer„ landen, En weegens dezelve Gouverneur Generaal, Benevens De wel Edele Heeren Raaden van Neederlands India Hoog Edel groot Agtb„r Heere, En Wel Edele Heeren Naar dien wij door de groote gunst van uw hoog Edelheedens aangesteld zijn geworden ter verrigtinge van 's EComp:s Jnportanten handel zo te Masquetta als langs de revier die wil Sindie zijn ook onse bevragtingen althoos strekkende geweest om als trouwe en Eerlievende dienaeren, met Een waaren ijver aande Intentie van Uw hoog Edel„ „heedens te voldoen en het voordeel der E: Maatschapppij zo veel in ons vermoogen is geweest te behartigen Schoon ons in deezen handes veele hinder paalen die wij gants niet verwagt hadden zijn ontmoet 2 E
English
From Masquetta, the 8th of May 1758. encountered, indeed even those that have frequently troubled us and made us not a little embarrassed as to how best to conduct ourselves in the same, since we place our greatest honor in being made fortunate through doing well, and in having all matters turn out as best as possible and to Your High Noblenesses' satisfaction, as we hope to have the honor of speaking of this further in detail. And first to make a beginning with how we, since the 10th of July of the past year, being the day of our departure from the Batavia Roads, in two months and five days, which was the 15th of September following, made for the Bay of Mosquetten, at which place we already [found] our fellow supercargoes of the ship Marienbosch, who immediately came to welcome us and announced that they had already today handed over the letter and presents sent by Your High Noblenesses to the Imam, and had sold some spices, etc., but not yet any picul of sugar, as well as that trade was proceeding very slowly, so that they did not believe at all that they would be able to dispose of the two ship From Masquetta, the 3rd of May 1757 cargoes there; whereupon we together the next day went to the wakil or shahbandar to make known the arrival of this second Company ship and the purposes thereof, as well as to inquire whether there might be any possibility to dispose of both cargoes there, the largest part of which consisted of sugar. However, we received a very doubtful answer, namely that if we wished to exercise patience, and take the matter in hand with such mildness, there might well be a chance for the complete sale, and that he would assist us as much as feasible in all matters. Having paid which visits, we agreed with the supercargoes of the aforementioned vessel that the vessel Het Pasgeld would remain in this bay for a few days, since the season of the year did not yet permit us to proceed to the roads of Diewil Sindie, as the southerly and southwesterly winds were still blowing too strongly, which, as we learned, cause a high, rough sea and heavy surf there, since no large ships can enter loaded into that river because of the heavy sandbar which lies before it; From Masquetta, the 8th of May 1758. all the more so since the foremast of the vessel 't Pasgeld was cracked due to the heavy weather that we encountered on our route and the violent working of the ship, and needed to be fished and secured, to which end we were also compelled to purchase a heavy piece of timber for that purpose, as well as a ditto for a new anchor stock, the old one being rotted in several places, as was the just-mentioned mast; being also hampered by many sick people, and crew grievously afflicted with accidents, who necessarily had to be refreshed, so that during the time we found ourselves compelled to remain there, we neglected nothing, but on the contrary put ourselves in a state to carry out our further undertaking in accordance with Your High Noblenesses' revered orders. We shall mention nothing of what occurred in the meantime concerning the sale of the cargo of the ship Marienbosch, not doubting From Masquetta, the 8th of May 1758. that the supercargoes De Wijs and Gotsche will inform Your High Noblenesses thereof extensively in their report; but proceeding further to respectfully inform Your High Noblenesses that after the first undersigned had once again brought his vessel as much as possible into proper order and had provided it with water, which had to be purchased excessively dearly, as well as with a pilot, on the advice of the other supercargo and Captain De Nijs, alongside various English seamen who were present at Masquetten, because the fairway of the aforementioned river is very dangerous and difficult to find for those who have never been there before, having moreover no charts or writings that gave the slightest light or knowledge of this fairway, the undersigned therefore deemed it safer to take a pilot than to put the Honorable Company's vessel and the souls sailing thereon in danger, which they also hope will be favorably approved by Your High Noblenesses; the undersigned also provided themselves From Masquetta, the 8th of May 1758. with a Banyan broker named Annamderamme, who had been recommended to them as well as to the supercargoes of the ship Marienbosch by Mr. Schoonderwoert, former resident at Gamron, and who, being absent upon the arrival of the said vessel at Masquetten, forced them to take another; but who, during our stay there, returned from Gamron, whither he had made a journey, but who did not at all live up to the good opinion that the undersigned had of him, as will also become apparent in what follows. Everything having then been prepared for departure and having again taken leave of the said shahbandar, who still sought to delay us with promises that trade would surely succeed for both ships, as well as of our aforementioned colleagues, we went on board with the said broker and pilot, and on the 26th of October setting sail, made for the first trading place we had to reach, named Karraatje, also under the dominion of the ruler of Diewil Sindie.
Dutch transcription
Van Masquetta den 8:' Meiy 1758. ontmoet Ia zelfs die ons meenigmaalen hebben bekommert, en niet wijnig verleegen gemaakt hoe ons best in dezelve te gedragen, dewijl wij onse Grootste Eere stellen om door wel te doen geluckig te moogen werden en alle zaaken zo veel moogelijk ten besten en tot uw hoog Edelheedens genoegen te doen uijtvallen zo als wij d'Eere hoopen te hebben hier van nader in't breeden te spreeken, En voor Eerst een begin te maaken hoe wij 'tzedert den 10 Julij A„o Pass„o zijnde den dag onser vertrek van de Bataviase Rheede, in twee maanden en vijf dagen dat geweest is den 15 Septbr: daar aan volgende de Baaij van Mosquetten besteevende op welke plaats wij bereeds onse meede Cargas vant schip Marienbosch van den dewelke ons inmediaat quaamen verwelkomen en aankondigden, zij heeden reeds de missive en Prezenten door uwe hoog Edelhd:s aan den Iman gezonden, hadden overhan„ „digt, en eenige specerijen etc: dog nog geen Picol zuijker hadden verkogt, gelijk meede dat de Negotie zeer traag ging dat zij lie„ „den gans niet geloofden, de twee scheeps Ladingen 3 e E Van Masquetta den 3 Maij 1757 ladingen aldaar te zullen kunnen Debiteeren waar na wij ons des anderen daags gesamentlijk bij den wakkies of Sabandhaar begraven om de aankomst van dit tweede 's Comp:s schip en de Eijndens van dien bekent te maaken; als meede . .. 1 ome te verneemen of er moogelijkhijt zoude zijn beijde Ladingen wiens grootste gedeelte in zuijker bestond, aldaar om te zetten dog kreegen een zeer twijffelagtig antwoord namentlijk als wij gedult wilden Oeffenen, en met die zoetig„ „hijt de hand Sigten er moogelijk wel kans tot den geheelen verkoop zoude zijn en dat ons zo veel doenelijk in alle zaaken zoude behulpsaam weesen, naar welker visiten afgelegt te hebben wij met de Cargas van voorm: Boodem over Een quaamen den Boodem Het Pasgeld in deeze baay Eenige dagen zoude vertoeven dewijl het Saijson des Iaars dog nog niet toeliet ons na de Rheede Die wil sindie te begeeven als de zuijdelijke en Z:W„te winden nog te sterk door blaazende die daar zo wij vernaa„ „men een hooge verbolge zee en botte laagen maaken dewijl geen groote scheepen in dies Bevier kunnen gelaaden binnen komen om de zwaare Zandbaar dewelke daar voor legt Van Masquette en 0 Maij 1758. legt te meer vermits de Fokke Mast van den Boodem 't Pasgeld door 't swaare weer dat op onse roeten hebben Ontmoet en geweldig arbijden van't schip hebben gekraakt was, en diende gewangt, ende gesecureert te wer„ „den ten welken Eijnde wij meede genoot„ saakt zijn geworden een swaar stuk hout daer toe inte kopen gelijk al„ meede Een dito tot een nieuwe an„ ker Stok, welke oude op verscheijde plaatzen zo wel als Even gem: mast vermollenit was; zijnde meede be „ lemmert met veel zieken, en droevig met accedenten gequelt volk; die Noodwen„ „dig dienden ververscht te werden zo dat wij in den tijd die wij ons genootsaakt vonden aldaer te vertoeven, niets hebben ver„ „ „suijmt maer ter Contraire instaat ge„ stelt om onse verdere Onderneeminge in gevolg UWhoog Edelheedens te gevenereerde Ordres, ter uijtvoer brengen zullen wij niets melden van't geene intusschen omtrent den verkoop der Laading van't Schip Marienbosch N: 91 is voorgevallen, niet twijffelende E op Van Masquetta den 8: Maij 1758. off de Cargas de Wijs en gotsche zullen Uw hoog„ „delheedens in hun berigt daar van breedvoerig onderhouden; Maar al verder voort gaan met uw hoog Edelheedens Eerbiedig meede te deelen dat wij naar den Eerst ondergeteekende, zijn onder„ „hebbende Bodem wederom zo veel moogelijk in Edne behoorlijke ordre gebragt had en van waater /:dat E:xcessief duur hebben moe„ „ten koopen :/ voor zien was; gelijk meede van Eende Loods /: op aanraading van den ver„ dere Carga en Capitain De Nijs, benevens verschijde Engelsche zee Lieden die zig op Masquetten bevonden:/ dewijl het vaarwater van voorm: Revier Dangereus zeer en moeijelijk te vinden is, voor die geene dewelke te vooren en nooijt ge„ „weest zijn daar bij geene kaarten of te ge„ schrifte hebbende diet van dit vaarwaater eenig de minste ligt ofte kennis gaaven zo oordeelden de ondergeteekendens dan vijliger een Poots te neemen als 's E„ Comp:s Boodem en daar op vaerende Pielen ingevaar te stellen dat de zelve ook willen verhoopen door uw hoog Edelheed:s gunstelijk zal werden geapprobeert /: ook verzaagen zig de ondergeteekendens nog van 9 Van Masquetta den 8:' Meij 1758. van een Benjaanse Markelaar /genaamt Annam deramme die aan dezelve zo wel als aan de Cargas van 't schip Marienbosch v door de heer Schoonderwoert geweesen resid„t te ganseon, was voorgedragen; en bij de komst van gem: Bodem op Masquet„ „ten afweezig zijnde, een ander hadden moeten aan„ neemen; dog in onse legtijd aldaer van Gun„ „ron :/ werwaerts een rijs had weezen doen/ te rug quam maer die in't geheel niet en heeft vol„ „daan aan de Goede gedagten die de ondergetee„ „kendens van den zelven hebben gehad, gelijk in't vervolg almeede zal komen te blijken. daar dan alles tot het vertrek vervaardigt en weederom bij gem: Saban„ „dhaar afschijt hadden weezen neemen; die ons nog al niet beloften de Negotie voor bij de de scheepe, wel zoude slaagen zogt op te houden gelijk meede van onse Confraters voormelt begaven wij ons met de gem: maakelaar en Loots naar Boord en op den 26: 8br: onder zijl Eders stellende naer de Eerste handel plaats die wij te besteevenen hadden zijnde genaamt Karraatje meede onder 't gebied van den vorst van Die wil„ Sindie 7 E
English
From Masquetta the 8th of May 1750. Sindie, yet situated some miles west of the river Diewil Sindie, where we sold some sugar and agreed on 16 Rupees per picol, being the highest market price that we were able to obtain here as well as subsequently along the aforementioned river. Karraatje lies on a salt river, which is traversed everywhere by creeks, about three miles inland, and is inhabited by Sindians and Banians, the latter of whom carry on most of the trade, the former maintaining themselves by navigation to Masquetten, along the Persian, Cambaian, Cumkan, Campar, and Malabar coasts, which, however, is severely hindered by the numerous pirates that roam around there, but principally commerce is very much obstructed by the inland troubles and highwaymen in the countryside who continuously roam about and cause great disorder, as we have the honour to communicate to Your High Nobilities at large in our daily journal. There some merchants came on board our ship after we had sent the broker and pilot ashore to inquire whether any trade might be conducted, and showed to them all the samples of our wares. They inquired after the prices that we made known to them, yet these seemed far too high to them, but they nevertheless showed themselves very willing to buy if we would grant two to three months' credit, following the example (as they, the merchants, claimed) of the English East India Company's ship that lay at Masquetten, and of which they had already received word with our pilot's vessel, including all the prices of the goods that had been sold there by our fellow supercargoes; nevertheless according to the translation of our broker, who by then already appeared somewhat suspect to us, doubting whether all this had not been betrayed by him, as well as whether he received salary from the merchants as well as from us, over which we also earnestly questioned him, the broker, but he protested greatly against it and assured us of his politeness and fidelity, appealing to the recommendation of the aforementioned former resident; what else could we do in this matter, since we could obtain no other with whom we could speak a single word, and he was the only one with whom we could still manage in the Portuguese language. We politely thanked the aforementioned merchants for their offer, making known to them that such would conflict with the orders of our masters, and that the money for the wares had to be on board before we would deliver a single piece thereof, who in return had us answered that we would then also have to return with our entire cargo, since on account of the far distance in the roadstead of Diewil Sindie not a single merchant would come on board, and they themselves would not even have come if the broker had not urged them so strongly, also the curiosity to see so large a ship had indeed principally driven them thereto, and if we wished to sell we must go ashore with them, since they would make no price on board; after all of which discussions back and forth, they, the merchants, took their leave of us and departed. The next morning, being the 19th of November, we set out on the advice and in the company of the broker with the boat to the aforementioned city and to the house of the Governor or Shahbandar, who is named Goedje Nouria, who received us very amiably and gave assurance of his assistance. After we had sat there for some minutes, he had some sugar sweetmeats served to us, and sprinkled us with rose water according to the custom of the country, then took our leave and retired to a caravansarai that the aforementioned Governor had caused to be shown to us, where we immediately received a visit from the greatest merchants of that place, and in the afternoon the return visit of the aforementioned Governor, until which time we continuously had a great confluence of people to see us, since never before had Dutchmen been at this place. We also went to visit some of the principal merchants, with whom we finally agreed upon a price for cash payment for some hundred picols of sugar as aforementioned, yet in all the other wares they took no pleasure, after which transaction we went on board again towards evening, where the merchants were to follow us to receive the purchased sugar, but who the next day, on account of the strong wind that blew continuously from the west-southwest, did not yet dare to come on board, but we received a visit from the aforementioned governor or so-called wakil, who had come out, as he said, to dispatch one of his merchant vessels to the Arabian coast, which was laden with Diewil Sindian merchandise. On the 12th in the morning the abovementioned merchants came on board again, took delivery of their purchased sugar, with which we also spent the following day, and on the 24th ditto sailed once more with them to land to demand the payment, which having received we repaired on board, weighed anchor and sailed to the river Diewil Sindie, well seeing that nothing more could be traded at this place, where we arrived on the 18th of this month. But how astonished we were when the pilot made known to us that we were before the river and already sailed over 6 fathoms of water, so that we could scarcely see the land and have little distinction thereof, whereas we had always flattered ourselves that we would be able to approach that river just as close as that before Karraatje, yet to our great regret found [illegible]
Dutch transcription
Van Masquetta den 8 Maij 1750. „sindie behoorende dog nog Eenige Meijlen bewesten de Revier Diewil Sindie geleegen alwaar wij eenige suijker du zetten en be„ dongen Rop:s 16: voor het picol zijnde de hoogste markt die wij hier zo wel als in 't vervolg langs even gem: Revier hebben kun„ nen maaken; Karraatje legt aan een zoute Revier, die overal met spruijten door brooken is, omtrent drie meijlen Land„ „waarts in, en bewoond van Sindiaanen en Benjaanen, welke laasten den meesten koop handel drijven generende zig d'Eerst tgem: met de vaart op Masquetten, langs de Persiaanse Cambaeijse Cumkanse Camparaese en Malabaarse kusten dog die door de meenigvul„ „dige roovers de welke daar rond swerven zoet werd belemmert maar principaal werd de Com„ mersie zeer gestremt door de Inlandse troubelen en struijk roovers ten platten sen„ „de die daer bij Continuatie rondeeren en groote disordre veroorsaaken, zo als wij in't breede bij ons dag verhael de Eere hebben UW hoog Edel„ „heeden s meede te deelen E Dier quaamen dan Eenige kooplieden bij ons aanboord na dat wij den maakesaar en Loots Van Masquetta den 8 Maij 1758 Loots hadden aan Land gezonden omme te verneemen of er ook Eenige handel te drijven zouden vallen en verthoonden aan dezelve alle de monsters onzer waeren Informeerden zig na de oprijzen die wij hun te kennen gaaven dog zulx scheen hun veels te hoog maar thoonden zig egter zeer geneegen te koopen als wij twee a drie maanden bre„ „dit wilden verleenen ingevolge het voorbeelt /:zo zij kooplieden voorgaanen :/ van het SEComp„s schip dat op Masquetten sag en waar van zij reeds met het vaarthuijg van onsen Loots berigt hadden ontfangen ook van alle de prijzen der goederen dewelke door onse meede Casgas aldaar waeren verdebiteert egter volgens trans„ „laatje van onsen maakelaar die ons doen al bing„ „sints suspect voor quam, twijffelende of dit alles door hem niet was verklikt gelijk meede dat zo wel van de kooplieden sallaris, als van ons genood waar over wij hem macke„ laar ook Serrieuselijk onder hielden dog hij protesteerde daar grotelijx teegen en ver„ zeekerden ons van zijn heushijt en trouw be„ roepende zig op de recommandatie van voorgesz: geweese resident; wat zouden wij hier ook in konnen doen dewijl geen ander konde bekomen met wien wij een Enkeld voord konden E Van Masquetta den 8 Meij 1738: konden spreeken en hij OEenigste was, met wie wij nog in de portugeese spraak kouden te regt geraaken wij bedankten gem=te koop lieden bleefdelijk voor hunne preesentatie hun te kennen geevende zulx teegen de ordres onzer meesters zoude Strijden en dat het geld voor de waaren aan boord moeste, zijn al eer wij een stuk daar van zouden afgeeven, die ons weederom lieten antwoorden wij dan ook net ons geheele Laading zouden moeten reverteeren, dewijle om de verre distantie op de rheede Die wil Sindie, geen Een koop„ man aan boord zoude komen en zij lieden zelfs niet zouden gekomen zijn als hun den maakesaar zo sterk niet hadden aangeweest ook de Nieuwsgierighijt zo een groot schip te zien hun daar wel- principaal toe hadde gedreeven en als wij wilden verkoopen met hun aanland moesten vaaren dewijle met ^ geen prijs zoude maaken; naar alle welke discoursen over en weeder zij kooplieden hun afscheijd van ons naamen en Vertrokken, Des anderen daags Smorgens zijnde den 19. ' 9ber: begaaven wij ons op aanraading en ingeselschap van den maakesaak met de Schuijt Van Wasquetta den 8: Maij 1758. Schuijt naar voornoemde Stad en tenhuijzen van den Gouverneur of Sabandhaar die gent:/ is Goedje Nouria dewelke ons zeer minsaam ontfing, en verzeekering van zijn adjude deed, naar wij daer Eenige minuten gezeeten hadden liet den zelven ons Eenige soetigheeden van zuijker gebok voorzetten, en bespreng den ons met roosen waater volgens 's Lands gewoonte, naamen doen ons af„ schijd en retireerden ons in Een Caravancerail dat gem: Gouverneur ons had laaten aanwijzen alwaar wij in mediaat bezoek kreegen van de grootste kooplieden dier plaats en inde nade middag de Contra visiten van gem: Gou„ verneur tot wertijd bij Continuatie een grooten toeloop van menschen hadden om ons te zien dewijl nooijt te vooren op deeze plaats hol„ „landers waaren geweest wij gingen ook Eenige der voornaamste kooplieden bezoeken met de welk Eijndelijk voor Contante betaeling over Eenige hondert picols zuijker gelijk voorzegt is prijs maakten dog in alle de andere waeren hadden zij geen behaagen, naar welke verring„ „ting wij ons omtrent den avond weeder aan boord begaaven, daar de kooplieden ons ston C. „den te volgen ter ontfang der gekogte zuijker dog „1 te Van Masquetta den 8: Maeij 1758. Dog die des anderen daags weegens de sterke wind die uijt den W:Zw:r door blies, nog niet aan boord durfden komen, maer kreegen een visiten van voorm: gouverneur of zo genaamde wakkies die buijten was gekomen om zo hij zij de een zijner Markaps naar de Arabische kust te depecheeren die gelaaden was met Die wil Sindiese koopmanschappen, den 12 'S morgens kwaamen boven gem„t kooplieden weederom aan boord severden hunne gekogte suijker af waer meede ook nog den volgenden dag door bragten en voeren den 24 d„o andermaes met de zelve naer Land om de betaeling inte vorderen, de„ welke ontfangen hebbende wij ons na boord be„ „geeven, onkersigten en naar de Revier Dee wel Tindie zeijlden, als wel ziel zien de op deeze plaats niets meer te verhandelen zoude vallen, daar wij den 18 deezer arriveerden, maar wat waeren wij verwondert wanneer ons den Loots te konnen gaf wij voor dies revier waaren en reeds over 6. vadem waters zijlden dat wij moet even het Land, en wijnig beschijd van 't zelve konden zien daar wij ons althoos hadden gevleijd die revier nog wel zo na als die voor Saraatje zouden kunnen naderen, dog tot ons groot Leedweesen ondervonden nog wel groote vier e
English
From Wasquetta, the 8th of May 1758. to have to lie four miles away from there, it being impossible to approach any closer without endangering the vessel. On the morning of the 19th, we sent the boat to the river with a second mate, the broker, and the pilot, in order to learn whether we might conduct trade there, and also to investigate how far up the river the trading posts were located, and whether any merchants were willing to come on board to negotiate. On the 21st, the boat returned with the said mate, who reported to us that the pilot was at his dwelling place, which was a fishing village and the first village located four miles up the river; that the broker had traveled by vessel to Oranga bander and Pera, which were two trading posts situated at least 10 miles higher than the aforementioned fishing village, directly opposite one another, the first mentioned being under the jurisdiction of the prince of Die Wil Sindie, and the last mentioned belonging under a certain prince named Sain Tajp, though which prince was likewise tributary to the first mentioned prince, as we came to learn thereafter. On the 23rd of November, the broker returned from the above-mentioned places, bringing with him a prominent Banyan merchant named From Vasquetta, the 8th of May 1758. named Nebahoumal to negotiate, upon strong persuasion from the repeatedly mentioned broker, who also testified that no others would or wished to come on board, and likewise that it would be impossible to sell everything immediately for cash pursuant to Your High Honours' highly respected instructions given to us for our guidance, but that we would have to proceed ashore with some goods in the manner of the English who are established there and grant credit for a few months to sometimes up to a full year; after which report we entered into negotiations with the said merchant and nevertheless reached an agreement that same day for the largest portion of our cargo of sugar, though he would not spend a penny more than what we had obtained at Caraatje, of which he already had knowledge overland from his correspondence there, as the broker said; on the understanding, however, that the sugar would be collected in three trips and weighed on board with the Honourable Company's scales and weights, and that he would also pay us in several instalments, for all of which the broker went surety, saying that this was indeed the principal merchant of all Die Wil Sinde From Masquetta, the 8th of May 1758. and one who would also have to buy the greatest portion of our cargo, as subsequently proved to be the case and is demonstrated in detail in our daily journal. The next day we delivered as many canassers of the said sweet wares as this merchant could accommodate in his vessel in which he had come on board, who departed again with the same and with our broker to Rangabander to rent a house for us and to return with some vessels in order to deliver yet another portion of sugar; who also returned on the first of December with several dinghies, which we immediately began to load with sugar in the presence of the broker and some of the aforesaid merchant's servants, with which we were occupied until the fourth, at which time we also fully laden the vessel with which the so frequently mentioned broker had come down with some coarse manufactures and other goods of the Honourable Company, of which the boat also took a part, as well as our necessary baggage, which filled both the vessel and the boat, with which we departed toward the river around the From Masquetta, the 8th of May 1758. evening. Accompanied, on the 7th of December we landed at Orangabander, immediately taking up our quarters in the Honourable Company's dwelling rented by the broker, for which we had to pay 35 rupees per month, as well as just as much for a warehouse situated next to it, wherein we subsequently stored the Honourable Company's goods. We also immediately hired, according to the custom of the country and the example of the English nation, a doorkeeper, six sepoys or native soldiers, alongside a moneychanger and two servants. The aforesaid merchant, accompanied by some other traders, immediately came to welcome us, telling us that he had indeed received the sugar already shipped off, though they spoke of no further trade, only offering us their services, after which they withdrew again. The next day the aforesaid merchant came to us again, being accompanied by the wakil or shahbandar, who is named Cattanne, to welcome us in the name of the prince of Die Wilsindie, From Masqueta, the 8th of May 1758. as he claimed, and to offer his assistance, which we also accepted with much politeness, entertaining him as well as was in our power according to the custom of the country; and we subsequently began to speak about the tolls, who informed us that they would certainly have to take place on the same footing as the English, but that he would write about this to the prince of Die Wil Sindie, his master, simultaneously assuring us that nothing would be paid for the goods that, having been stored ashore, remained unsold, but that we might ship the same off again toll-free; although we would nevertheless surely sell our entire cargo if we would only exercise a little patience. The same offered us a place, wherever we might wish to choose, to build a house and erect a flagpole, along with all prerogatives, yea, more than the English had ever yet enjoyed, who, as we understood, sought to cause us great disadvantage in trade. We thanked him for this offer, saying that we did not yet have orders for that, but only
Dutch transcription
Van Wasquetta den 8 maij 1758 vier mijlen daar van af te moeten leggen zijnde geen moogelijkhijt sonder den boodem ingevaar te stellen daar nader bij te kunnen komen, den 19. ' Smorgens zouden wij de schuijt na de revier met een Onderstuurman, de Makelaar, en Loods, om te verneemen of wij daar ten handes mogten komen ook te onderzoeken hoeverre de handel plaatsen wel de revier op geleegen waeren, en of er geen koopplieden aan boord wilden komen om te Negotieeren, den 21 quam deschuijt met gem: Stuurman weeder„ om die ons berigte de Loods op zijn woonpplaats dat een vissers en het Eerste dorp vier mijlen de revier opwaarts geleegen was, zijnde den maake„ laar met een vaarthuijg naar Oranga bander en Pera gevaaren dat twee handel plaetsen waeren die nog wel 10 wijlen hooger dan even gem: vissers dorp regt over Elkan„ „der Laagen het Eerste genoemde onder het ge„ bied van dien Vorst van Die Wil Sindie en het Laast gem: onder zeeker Prins genaamt sain Tajp gehoorden, dog welke prins almeede aan Eerst gem: vorst Sijnsbaar was zo als wij in't vervolg quaamen te verneemen. den 23 9br: reverteerden den makesaer van boven genoemde Plaatsen meede brengende een voor naam Bonjaans koopman gen=t E Van Vas quetta den 8 Maij 1758. genaamt Nebahoumal om te Negotieeren, op sterke perzuatie van meerm: maakelaer die ook betuijgden ver geen andere zouden ofte Willen aan boord koomen, gelijk meede het onmoogelijk zouden zijn alles inmediaat voor Contant te verkoopen, Ingevolge Uw hoog Edelheedens zeer gerespecteerde Instructie ons ter opvolging meede gegeeven, maar ons aan land zouden moeten begeeven met eenige goede„ „ren in manier der Engelsen die daer gestabu„ leert, en eenige maanden tot Somwijlen wes een rond Iaar Credit verseenen, naer welk rap„ „port wij niet gem: koopm: in onderhandeling traaden en nog denzelven dog accoort troffen voor het grootste gedeelte onser loding zuijker dog wilde geen penn: meer besteeden als wij op Caraatje hadden gemaakt, en waar van hij bereeds /:zo als den maakelaar zeijde :/ over Land van zijn Correspondentie aldaer ken„ „nis had, dog met dien verstaande de suijker in drie rijzen zouden werden afgehaelt en waar boord met 's E Comp: schaalen en gewigt gewoogen dat ons ook in verschijde termijnen zoude voldoen, voor welke alles den maake saek instond, zeggende dit wel den voornaamsten koopm: was von gants die wil Sinde e Van Masquetta den 3. maij 1788 en die ook het meeste gedeelte onzer Laading zoude moeten Roopen so als ook in't vervolg is koomen te blijken en bij ons dag verhael breedvoerig werd: aangeweezen, des anderen daags beverden wij zo veel Cannassers van de gem: soete waaren af, als dien koopm: in zijn vaarthuijg waermeede aan boord gekomen met de was konde bergen, die „ zelve en onzen maake„ laar weeder naar Rangabandes vertrok om een huijs door ons te huuren en met eenige vaarthuijgen te rug te komen ten Eijnde nog een gedeelte suijker afte leeveren, de welke ook op den Eersten Decembr re„ verteerde met verscheijde Tingies die wij aanstonds ter Overstaan der maeke saer en Eenige van 's voorn„t koopm:s bedienden met suijker begonnen te bladen, waer meede tot den Vierden beezig waeren, als E wanneer wij het vaarthuijg met welk den zo meenigmaase gou„t maakesaet was afgekomen ook Vollaade met Eenige Passere manirfactuuren en andere S: E: d: Comp: goederen waar van de bood meede een gedeelte, zo wel als onse benoodigde bagagie in naam die zo veel het vaarthuijg c als de schuijt, waar meede wij omtrend E den E Van Masquetta den 8 maij 1738 den avond naer de revier vertrocken, verzelden den 7 Decbr: sanden wij te Drangabander, neemende inmediaat onsen intrek inde door den maakesaar afgehuurt 'sEComp:s wooning, waer voor wij des maands Ropias §5. moesten betaelen, gelijk meede nog even zo veel voor een daer naest aangeleege Pakhuijs, waerinne wij vervolgens 's EComp:s goederen borgen, huurden ook terstond volgens gebruijk van 't land en't voorbeelt der Engelse natie een portier, ses sepijen, ofte In„ Landsche Soldaeten, beneevens een wisselaer en twee dienaers. Den voorm: koopm: quam ons met nog Eenige Negotianten verzelt, in„ mediaat verwelle komen die ons zijde de reeds afgescheepte zuijker wel te hebben ontfangen dog spraaken van geene verdere Negotie, alleenlijk ons hunnen dienstaan„ „biedende waar naer zij lieden zig weederom retireerden Des anderen daags quam voorn„t koopm: weeder bij ons verzelt zijnde vanden wac„ „kies ofte Saband haer die genaamt is Cattanne om ons uijt den naam van den vorst van Die Wilsindie zo 17 Van Masqueta den 8 marij 1738 /:zo hij voor gaf:ste verwel komen en zijn adjude aan te bieden, die wij ook met veele beleefdhijt adcecteerden, hem zo goed in ons vermoogen was volgens sandgebruijk onthaalden; en begonnen vervolgens over te Thollen te spreeken die ons te kenne gaff seeker„ „lijk op den voet der Engelsen zouden moeten geschieden, dog dat daer over aan den Vorst van Die wil sindie zijn meester zoude schrijven, ons te gelijk verseekerende van de goederen die aan Land opgeslaagen zijnde, onverkogt bleeven niets zoude werden be„ „taalt, maer de zelve weederom Thos vrij afte moogen scheepen schoon egter verkopten wij onse geheele Laading wes zouden verdebiteerden, als wij maer wat gedult wilden affenen, den zelven offereer„ den ons een plaats waer wij die ook zoude willen verkiesen, om een huijs te bouwden en vlagge stok op te regten benevens alle 4 Prerogatrie Ia meer als d'Engelse nog ooijt genooten hadden /. die ons gelijk wij verstonden groot nadees inde Negotie sogten toe te brengen :/ wij bedankten hem voordit moes, zeggende, wij daer toe nog geene ordre hadden mae„ alleen O
English
From Masquetta the 2nd of May 1758. had only come to see whether the trade of the Honorable Company would be in demand and also welcome here, so that, in the event matters turned out to our lords and masters' satisfaction, it might well happen in the future that the Dutch Company came to establish itself here, whose trade, we did not doubt, would bring this country considerably more advantage than that of the English, and upon which this first voyage would greatly depend; but after all these discussions back and forth, the aforementioned Wakil also invited us to his residence, took his leave, and departed, after which we made known to all the merchants through our broker that we had the samples of all our brought-along merchandise ready, and offered the same for sale. Thereupon, they came to us the following day and inspected them. In the meantime, we inquired after the weight and the measure customary in this place, which we found to be one maund of 75 Dutch pounds, and one seer scarcely 3/9 pounds, being thus one maund of 82 seers, according to the Hindustani weights; concerning the measure, they use gaz, which are 1¼ Dutch ells long. Masquetta the 8th of May 1758. long. Of coin species we saw nothing traded except in rupees of different sorts and mints, yet in terms of silver equally heavy and of equal alloy, calculating our account to accept the same no higher than the price of 27 stuivers determined by Your High Nobilities; after the aforementioned merchants had seen the samples and examined them very carefully, they asked after the prices that were told to them, but seemed very astonished at our demand, saying that they could get it considerably cheaper from the English, which we thought impossible, because they had to purchase the greatest part, except for manufactures and pepper, at our factories, and the price we asked them had not been set too high above that for which one could part with it, but everything arranged proportionally and according to merchant custom; yet we answered them very coolly that they should then go to the English, and that by bidding and offering merchants came to an agreement with one another, but these merchants seemed very stingy, suspicious, and timid people, which we believed arose from the English nation, who sought to incite these merchants against the Dutch and (as we understood from the aforementioned great merchant through our broker) had assured them they would have a ship from Bombay before the end of this month, that they would then give the piece goods, tin, lead, iron, spelter, sappanwood, even down to the sugar, 3, 4, to 5 percent cheaper than we, and even on a full year's credit, or for as long as it suited the merchants to pay, whether with goods in barter or cash, and for which they were already said to have concluded contracts; whereupon we caused them to be answered that such appeared incredible to us, that we were well assured we could part with everything without distinction quite as civilly as the aforementioned nation, because they had to obtain the greatest part of the wares that they imported out of the hands of our nation, and that we would then have to await that time with patience, with many arguments back and forth, after which the merchants retired. Later in the afternoon, we had a letter prepared in the Persian language according to the custom of the country by the Wakil's writer to the Prince of Dewal Sindi, in which we made known our arrival, conveyed the greetings of Your High Nobilities, requested his assistance as well as freedom to trade, and expressed further necessary compliments, which we also immediately dispatched with a courier to Nasserpur, his usual place of residence. The following morning, being the eleventh, the merchant Nebahoumas came to bring us some money in settlement of his already received 475 canasters of powdered sugar, with promises to pay off daily, as he also complied with in the sequel, having even negotiated a considerable sum for that purpose at very high interest from other prominent, wealthy people. Furthermore, we had no visits from merchants for three days. In the meantime, on the 23rd of the same month, we went to pay the return visit to the aforementioned Wakil, who received us very amiably and once again assured us of his assistance, after which he entertained us according to the customs of the country, which ceremony being performed, we took our leave. The following day 2 to 3 merchants came to visit us, inspected some samples, and bid money on the cochineal and turmeric, namely for the picul of the first-mentioned 1000 rupees and for the last-mentioned 12 rupees per picul, but we gave them as an answer that it was not to be parted with for anywhere near that amount, and that we would wait for a better bid. We also perceived that there could not be many merchants here, as they arrived very slowly, about which we addressed the broker, who answered us that there were some internal troubles that greatly obstructed commerce, but that nevertheless several
Dutch transcription
Van Masquueta den 2 Maeij 1758. alleen gekomen waaren om te zien of 's E Comp:s handel hier gewild, en ook aangenaam zoude weezen dat indien gevalle de zaaken naar onse heeren en meesters genoegen uijt vallende, het in't vervolg wel konde gebeuren, de Hollandsche Comp: zig hier quam Stabuleeren, wiens handes wij niet twijffelden, of zoude dit Land vrij meer voordees dan van de Engelsen toebrengen en't geene van deeze Eerste rijs grootelijks zoude dependeeren, maar alle welke discoursen over en weeder den gem„te Wakkiel ons meede aan zijn wooning verzogt zijn afschijd naam, en weg ging, waar na Wij door onsen maakelaar aan alle de koop Lieden deeden weeten, wij de monsters van alle onse meede gebragte Negotie inge„ reedhijt hadden, en dezelfde te koop feijlden die daer op des anderen daags bij ons quamen en bezigtigden, Intusschen vernoomen wij na 't gewigt ende waat indeze geweeste gebruijkelijk, die wij bevonden te zijn een mand 75. lb: hol„ lands, en een Cheer 3/9 lb: schaars zijnde 32 dus Een mand 82: Cheer, na de Hindostandsche gewigten; omtrend de maat gebruijken zij Gudsen, die 1¼ Elle Hollands E Lang Masquetta den 8 meij 1738 Jang is, van geld specien zaagen wij niets handelen / als met Ropias van deferente soorten, en mund dog in zovert zilver even wigtig en van Alloij maekende onse Reekening de zelve niet hooger als de door uw hoog Edelheedens bepaalde prijs van 27 Stuijkers te ontfan„ „gen; naer de voorm:te Hoop Lieden de monsters door zien, en zeer Nauwkeurig g'Examineert hadden, vroegen zij na de Prijzen die men hun zeijden, dog scheenen over onsen Eijsch zeer verwondert te zijn, zeg„ „gende zij lieden 't vrij wat beeter koop bij d'Engelsche konden krijgen„ 't't geen wij dogten onmogelijk te zijn dewijle die het meeste gedeelten Excepto de Manufactuuren en Peper op onse Comptoiren moesten inkoopen en de prijs die wij hun vroegen niet te hoog boven 't geene waar voor men 't komde afstaan hadden gesteld maer alles naer rato, en volgens Koopman „ „stijl geschikt, Edog wij antwoorden hun zeer trankies, zij dan bij de En„ „gelsen moesten gaan, en dat net Booven E Van Nasquetta den 8 maij 1758 looven en bieden de kooplieden bij den an„ „deren quaamen, maer deeze kooplieden scheenen zeer karige, wantrouwige en schroomagtige Lieden dat wij geloofden voort te komen van de Engelse Natie die deeze koopsieden teegen de Hollan„ „ders zogten op te rooijen, en hun /:zo wij van den voormelden grooten koop„ man door onsen maake laet verstonden:/ hadden verzeekert zij voor't Eijnde deezen maand een schip van Bombaij zouden hebben, dat zij als dan de Paakenen Thin, bood ijzer, speaulter, Sappanhout, tot de zuijker zelfs 3. 4 â 5. — pr Cento beeter koop als wij zouden geeven en zelf op een rond Iaar Credit, ofte zo lang het de koop„ Lieden geleegen quam te betaelen, 't zij met goederen in Ruijling dan wel Contanten en waer van zij reeds Contracten zouden heb„ ben geslooten; waer op wij hun Lieden deeden antwoorden, zulx ons ongelooflijk voor quam dat wij wel verzeekert waeren alles zonder onderschijd ruijm zo Civiel als d' gem„te natie konden afstaan, dewijlse die het grootste gedeelten der waaren die zij aanbragten uijt onse natie haar handen moesten hebben Van Masquetta en8 maij 1748 hebben en dat wij dan dien tijd niet gedult zouden moeten afwagten met veele reedenen over en weeder, waer naer de kooplieden zig retireerden, Pieter in den Namiddag een brief inde Perziaanse Shaal volgens 'Slands gebruijk door des wakkiels schrijver aan den vorst van Die wil sindie vervaardigen, waar in wij onse aankomst bekend maakten de groete van uw hoog Edelheed:s deeden, zijne adjude, als ook vrijhijt om te moogen Negotieeren verzogten en verdere nodige Complimenten afsijden die wij ook inmediaat met een kasset naar Nas„ „ser Sour /: zijne gewoone residentie plaats depecheerden. — Den volgende morgen zijnde den Elften quam ons den koopman Nebahoumas eenige Penningen in „ voldoening zijner reeds ontfangene 475. Cannassers poeder zuijker brenger met beloften dagelijx te zullen afleggen zo als denzelven in't vervolg ook is naar gekomen, hebbende zelfs een Considerabale Somma op zeer E hooge 21 Van Masquetta en 2 maij 1750 hooge percentos daar toe genegotieert, bij andere voornaame gegoede lieden, ver„ ders hadden wij in geen drie daagen Eenig bezoek van kooplieden, gingen in tusschen op den 23 d„o de Contra visiten bij den voormelten wakkies afleggen, die ons zeer minsaam ontfong, en andermaal van zijn adjude verzeekerde waar naar ons volgens 'sLands gewoonten onthaalden, welke Ceremonie verrigt zijnde naamen wij ons afschijd Den volgenden dag quaamen ons 2 â 3 kooplieden bezoeken, bezigtigden eenige monsters, en booden geld op de Couchenille„ en Curcumia als voor't Picol van't Eerst gemelte 1000- Rap:s en voor't Laaste genoemde Rop:s 12 p:s Picol, dog gaaven hun ten ant„ woord het nog op verre na daar voor niet afstaande was, en op Een beeter bod zouden wagten, wij bespeurden ook hier niet veele kooplieden moesten zijn, terwijl zeer traag aan„ „quaamen, en waar over wij den maakelaer onderhielden; die ons antwoorden, er Eenige Jnlandse troubelen waaren die de Com„ mercie zeer Stremden maar dat Egter ver„ „schijde i
English
From Masquetta the 8th of May 1758 several great merchants from the largest trading place, named Patta, which was situated some 15 to 16 miles upriver, expecting and not doubting that we would be able to sell everything if we only would have some patience and, with some goods, to the detriment of the English, were willing to lower our prices. On the 15th of that month, we, the undersigned, accompanied by the merchant Nebahoumas and the broker, went to pay a visit to the governor of the city, who was also a Pythagorean and named Sabalsing, who had returned the day before from the upper country, having still been absent upon our arrival. He received us very kindly. We requested his assistance so that we might continue our trade here under his protection, of which he assured us in the strongest terms, and declared that it was very pleasing to him that the Dutch had come there to trade, and also by no means doubted that the Prince of Diewilsindie, his master, would also be very pleased about it, and many circumstances, but too long to detain Your High Nobles' attention therewith, after which customary compliment we returned again to our residence. The day thereafter, some merchants, among whom was also the frequently mentioned Nebahoumas, came to ask about the pepper, benzoin, and Radix China. We showed the samples and told them the quantity and price, which at first seemed somewhat too high to them; however, after some words were exchanged back and forth, we reached an agreement on the aforementioned three articles, namely the entire parcel of Radix China without weighing for 20 rupees, the benzoin per picol of 125 lb for 65 rupees, and per picol 33 rupees, being the highest price we could negotiate, due to the large import of this grain by small vessels from Malabar, and the large supply by the English, who had already sold the same at 30 rupees per 125 lb, though in the eyes of the merchants it did not seem as fine as our pepper, and therefore we negotiated three rupees more; however, on the condition that the same be weighed and delivered at Aurangabander with the Honorable Company's scales and weights, with which weight all the merchants without distinction seemed to be very well pleased. We also offered the case with porcelain in which the aforementioned root had been packed to Nebahoumas, who had bought the aforesaid alone, for a 50 percent advance, but he took no pleasure in it. From this we learned that porcelain was very little esteemed and in little use, and was also brought in by the English repeatedly in such abundance that one could obtain it on the bazaar easily as cheap as it was charged to us. On the 17th, the aforementioned merchant brought us some money again in reduction of his debt, with promises to pay soon for his first-received sugar and other already purchased goods. On the 21st of December, the governor, or called by the natives Cardar, came to pay us a return visit, accompanied by a retinue of several prominent persons, whom we received in the most proper manner according to the custom of the country, setting before him a porcelain dish of candy sugar, spices, and a bottle of rose water, which he also accepted very politely and immediately had carried to his residence, offering us once again his service in all cases should we have need of it, after which he forthwith took his leave and departed. The day thereafter, the frequently mentioned merchant came again to pay off some monies and brought with him a fellow merchant named Radja Radamme, who bought the sappanwood after much haggling, which we were indeed forced to dispose of, though not for the price we had hoped for, out of fear that the arrival of the English ship, which always also brings that wood, would cause the market to fall further, and that nation, in order to harm us, would dispose of everything as cheaply as possible, yes, even at a loss; however, we still made 7 rupees per picol. On the 23rd, we received an answer to our missive from the Prince of Diewilsindie, who is named Miasaaijp, the translation of which we have the honor to present at large to Your High Nobles under that date in our daily register, who assures us in all events of his assistance. On the following date, we again received a visit from some merchants who inquired after the textiles and fine caneels, of which we showed them the samples, asking for the first-mentioned a 50 percent advance and for the last-mentioned 12 percent above the price limited by Your High Nobles; however, none of them dared to make any offer on this, but went away again without saying anything. Here several days passed without any merchant appearing in the Honorable Company's rented residence, which began to cause the undersigned no small vexation, and made us fear that half the cargo would be lost here, the more so because still no Patta merchants appeared, as the broker had claimed, who nevertheless still stood by his word. In the meantime, the merchant
Dutch transcription
Van Masquetta en 8 aeij 1738 „schijde groote kooplieden van de grootste ne„ „gotie plaats genaamt Patta die nog 15. â 16 mijlen aande revier opwaards geleegen was, verwagtende en dat niet twijffelende of wij zouden k alles kunnen verkoopen als wij maer wat gedult wilden hebben en met Sommige goederen /: tot afbreuk der Engelsche:/ de hand wilden Ligten; op den 15 dier maand gingen wij ondergeteekendens verzelt van den Koopman Nebahoumas, en Maakelaar, eene visiten afleggen bij den Gouverneur der stad zijnde een meede Pitagorist, en genaamt Sabalsing, dewelke daags te vooren uijt de boven Landen was gereverteert, zijnde bij onse komst nog absent die ons al meeden zeer vriendelijk recipieerden, wij verzogten hem zijne adjude om onse Negotie alhier onder zijne bescherming te moogen voort zetten, waar van ons op het kragtigsten deedt verzeekeren, en betuijdden 't heem heer aangenaam was de Hollanders daar ten handes waaren gekomen, en ook geen„ „sints twijffelden of den Vorst van Die wilsindie zijn meester zoude daar over meede zeer vergenoegst weezen en veele omstandigheeden maer t te Van Masquetta den 2 meij 1750 te lang om Uw hoog Edelheede is attantie daar meede op te houden naer welk afgesagde Compliment wij ons weeder naer onse wooning begaaven Den dag daar aan quaamen er Eenige kooplieden /: waer onder zig ook den dikwerf genoemde Nebahoumas bevond :/ naer de Peeper, Benzuin, en Radix China vragen, verthoonden de monsters en zijde hun de quantitijt, en Prijs, dat hun inden beginnen wat te hoog scheen dog naer Eenige woorden gewisselt, over en weeder, raakten wij Eens met de genoemde drie Articulen, Namentlijk de geheele Parthij Radix China zonder te weegen voor Rop:s 20. –. de Benzuin het Picos of 125 lb: rop:s 65. — ende het Picos Rop:s 33:— zijnde de hoogste prijs die wij kon„ den bedingen /: door den grooten aanbreng van dit korl met kleene vaarthuijgen, van de Malla„ baar, en den grooten toevoer der Engelschen die de zelve reeds teegen 30 rop:s de 125 lb: had„ den verkogt, dog inhet oog der kooplieden zo moeij als onse Peeper niet scheen en daarom nog drie rop:s meer bedongen/ Egter onder voorwaarden 't zelve 't Oran„ „gabander met 'SE Comp: Schaelen ƒ de en Van Masquesta den 2 maij 17532 en gewigten te weegen, en avfr te leeveren, met welk gewigt alle de kooplieden zonder onderschijt zeer wel te vreeden scheenen te zijn Presenteerden ook de Cas net Porce sijnen waer gen:t wortes was in„ „geweest aan Nebahonmas /:die 't voorsz: alleen had gekogt :/ voor 50 pr C=„to, advans dog den zelven had daer in geene behaagen daar aar bij vernaamen wij het Porce„ „sijn zeer min geagt wierd, en in wijnig gebruijk was, ook door de Engelsche telkens zo meenigvuldig wierd aangebragt dat men 't op de Bazaar ruijm zo goed koop als 't ons is aangereekend konde bekomen, den 17 bragt ons den koopm: voornoemt weeder Eenige penn: in mindering zijner debet, niet beloften in't kort zijn eerste ontfangen suijker en verdere reeds gekogte goederen af te zullen betaelen. den 21 Decembr: quam ons E H den gouverneur /:ofte door de Insanders genaamde Cardar:/ de Contra visiten afleggen met Een gevolg van ver„ schijde voornaeme Persoonen bij - E Te Van Hasquetta den 8 maij 1758 bij zig, die wij opde best voegelijkste wijze naar 'S Lands gebruijk ontfangen hem een Porcelijne Schootes Candij zuijker spe„ cerijen, en Een fles Roose waater voor settende, die hij ook veer beleeft accepteer„ den en inmediaat naer zijn wooning Lied draegen, biedende ons andere mael zijnen dienst in allen gevallen wij die mogten be„ nodigt weezen, aan, woer naer op stonds zijn afschijd nm en weg ginge Den dag daer aan quaam den koopm: E meermelt weeder Eenige gelden afleggen en bragt met zig een meede Marchant genaamt Radia Radamme, dewelke het Seppanhout naer Lange bekinbbesing kogt, dat wij wel genootzaekt wierden om 't zetten schoon niet voor die prijs die wij hadden verhoopt /: uijt vreese de komst van't Engelse schip die althoos van dat hout meede brengen :/ de markt nog zoude doen daalen en die Natie om ons te benadeelen alles zo goed koop mo„ „gelijk Ia zelfs met schaaden vande hand zoude zetten; hoe wes nog voor het picos hebben gemaekt rop:s 7— Den 23 ontfangen wij een antwoord op 2 E 9 Van Masqueta den 8 maij 1758 op onse missive van den Vorst van Die wil„ „s indie die genaamt is Miasaaijp, welkers translaat wij d'Eere hebben op die datum in ons dag Register aan Uw hoog Edelheed:s in't breede te verthoonen die ons in allen ge„ volle van zijn adjude verzeekert De daar aan volgende datum kreegere wij weederom bezoek van Eenige kooplieden die zig na de Manufactuuren, en sijne Can„ nees Informeerden, en waer van wij hun de monsters verthoonden, vroegen voor d' Eerstgenoemde 50 p„r C„to advans en voor Laast gem: 12 p„r C„to booven de door UW„ hoog Edelheedens gesimiteerde prijs dog geene derzelver dorsten hier op Eenig bod bieden; maer gingen zonder Iets te zeggen weederom weeg: hier verliepen nu Eenige dagen zonder dat er Eenig marchant in 's EComp: ofgehuurde wooning verscheen, 't geen de ondergeteekendes niet wijnig begon te verdrieten, en daet vreesen de helfte der Lading alhier zoude quijt werden, te meer dewijle nog al geen Pat„ „taese kooplieden verscheenen, zo als den ma„ „kesaak had voorgegeeven, die Egter nog bij zijn gezegde bleef, intusschen hadden koopman E
English
From Masquetta, 8 May 1758 Merchant Bebahaumas having settled his first debit within a few days, who requested from us a second delivery of his purchased sweets, wherefore the last undersigned, owing to the indisposition of the first undersigned, went on board with the Macassar, scale weights, and the merchant's servants to carry out this shipment, learning meanwhile to our great sorrow that two English ships from Bombay and Surat had arrived, laden with powder sugar in canassers and bins, iron, tin, lead, spelter, raw Bengal silk, Malabar pepper, sappanwood, sandalwood, cochineal, cardamom, elephant teeth, and other small wares, though of sugar a small quantity. No sooner was the news of the arrival of the said ships at Tatta, than the first English factor residing there came to Aurangabandar, followed by some prominent merchants of that place in order immediately to dispose of the aforementioned cargoes; which merchants had also long before been minded to come and trade with us, had they not been deterred from it by the repeatedly mentioned factor. However, some of them came to the Honorable Company's rented house, to whom we showed various samples, of which one named Arnan de Ramme bought from us the wild Timorese cinnamon for 21 rupees the basket of 75 Dutch lbs. The remaining merchants bought nothing and seemed rather to have come out of curiosity than to buy; meanwhile, the second undersigned had returned from on board. On the same date of the sale of the wild cinnamon, which was on the eleventh of January of this year, the often-mentioned prominent merchant came to make us an offer on the tin, namely 36 rupees for the picul, but we declared to him that it was not to be parted with for that, since it was not yet the price ordered to us by Your High Right Honourables, which we could not meet without even calculating any charges upon it; however, we saw that it would well-nigh be impossible to obtain that price, so that this day nothing came of that sale, as little as of the remaining goods. But on the 13th we sold to Nebahoumal, who brought us some cash again, two pieces of broadcloth, namely one scarlet red and one purple violet, calculated mixed together at 5½ rupees the ell, who on the 17th thereafter came to us again with some Sindhi merchants to inspect the spices, to whom we showed the sample and made known the lowest price, at which they seemed very surprised, saying they could obtain them considerably cheaper from Surat through the English, naming to us a price far below that which was prescribed to us by Your High Right Honourables, principally for the nutmegs; therefore we had to suspend the sale and wait for a better opportunity. On the 19th, two Afghan merchants, of whom we have spoken more fully on that date in our daily register, came to us to negotiate; we let them view our samples and told them the price of those goods, but they did not wish to buy anything then, but promised to return the following day, which gave us a little courage that now more of those merchants would appear and we would soon be able to sell off the goods; for in the time of about two months that we had already spent here, we had sold little or nothing besides the sugar to the so often mentioned great merchant Nebahoumas, who seemed to us to be a thoroughly honest, virtuous man, who also both here and in all the surrounding places carried on the principal trade, as we hope to have the honor to show Your High Right Honourables further, and who also on this day bought five chests of nutmegs, in each of which 30 lbs of cloves were packed, namely the nutmegs for 272½ rupees and the cloves at 476½ rupees the picul, just as he subsequently took three more of the said chests. The following morning the two Afghan merchants appeared, being named Gopieramme and Radjarinas, who bought from us some canassers of powder sugar, together with 82 pigs of lead, the sugar for the old price, but for the lead we could not stipulate more than 13½ rupees, which was also sought by no one else but that sort of merchants, who had already taken over the entire supply of the English, for that price as we understand, on six months' credit, against which we stipulated cash payment, hoping the low market for this mineral, which we principally undertook in order to thwart the said nation just as they do us and to entice those merchants to us, will also be favorably approved by Your High Right Honourables. On the 23rd of that month we sold the first two chests of cloves to two Banyan merchants named Goudia Hassem and Goudia [illegible] at 476½ rupees the picul; we showed them the samples of the other goods brought, but after they had heard the prices, these goods were also too dear for them. The following afternoon received
Dutch transcription
Van 1758 Masquetta en 8 maij Koopman Bebahaumas op wijnige Tenn: na zijn Eerste debet voldaan, dewelke ons om een tweede aflevering van zijne gekogte Soetig„ huijt verzogt waerom den Laast ondergeteekende zig bij Indispositie van den Eerst ondergesz: met den Maakesaar, Schaalen gewigt, en 's koopmans bediendens naer boord begaff om dies afscheep te doen, verneemende on„ dertusschen tot onse groote Smert twee Engelsche scheepen van Bombaaij en Souratta waaren aangekomen, belaeden met Poeder zuijker in Cannassers en Bakken ijzer, Thin, Loot spiaulter, ruwe Ben„ „gaalsche zij de Mallabaarse peper Sapppanhout Sandelhout Couchenille, Cardamon Plisants tanden en verdere kleene kramerijen, dog zuijker een geringe quantitijt, zo haast was de tijding der komst van gem:te scheepen niet op Tatta of den Eersten Engelsen Commissi„ ant die daar resideerden quam te Tranga„ is bander gevolgt van Eenige voornaame koop„ Lieden dier plaats omme de voormelte Ladingen aanstonds aan de man te helpen welke Marchanten ook al lang te vooren van gedagten waaren geweest met ons te te 29 Van Masquetta den 8 maij 1758 te komen handelen indien niet door meerm: kom„ missiant daar van waaren gedetourneert, Egiter quaamen Eenige der zelve in 's EComp:s afgehuurde wooning, aan wien wij ver„ „schijde monsters verthoonden, waar van er een met naame Arnan de ramme ons de wilde Pimoreese Cannees afkogt voor rop:s 21 de mand van 75 lb: hollands de overige marchanten kogten niets en schee„ „nen veelEer uijt nieuwsgeerighijt dan om te koopen te zijn gekomen, ondertus„ „schen was den tweeden ondergeteekende weederom van boord gereverteert— Den zelfden datum van de verkoop der wilde Cannees dat geweest is op den Elfden Ianu: dezes Iaars quam ons den dikmaeligen genoomden voornaam Koopman een bod op het Thin doen, eamentlijk 36 rop: voor't Picol dog betuijgden hem het daar voor niet niet afstaande was, dewijl het nog de prijs door uw hoog Edelheeld:s ons g'ordonneert niet konden hoesen zonder zelfs eenige on„ „gelden daar op te bereekenen /:Eg ter zagen wij wes 't onmogelijk zoude weezen die prijs te Erlangen zo dat er dezen dag - Van Masquetta en 8. maeij 1738 dag niets van dien verkoop zo min als van de resteerende goederen voor vies, maer op den 13 verkogten wij aan Nebahoumal„ /:die ons wederom Eenige Contanten bragt:/ twee p:s Laakenen als een Schairrood; en een purper visset door Elkander gere„ kend tot 5½ rop:s d'Elle dewelke op den 17 daar aan weeder met Eenige Pottaese marchanten bij ons quam om de Epecerijen te bezigtigen dien het monster verthoonden en de naaste prijs te kennen gaaven waer over zeer verwondert scheenen, zeggende zij die vrij beeter koop van Souratten door de Engelschen konden magtig werden, noemende ons een prijs verre benoeden die dewelke ons door uw hoog Edelheedens is voorsz: principael de Nooten Muschaaten der„ halven moesten wij den verkoop staaken en wagten naer Een beeter geseegenthijt. — Den 19 quamen twee Aguaanse koop„ „liedens waar van wij dien datum in ons dog register breeder hebben gesprooken bij ons omme te Negotieeren sieten hun onse monsters beoogen zijden hun de prijs dier waeren, dog wilden doen niets koopen maar beloof„ „de E Van Masqueta en 8: maij 1748 „de den volgende dag weederom te zullen komen 't geen ons een wijnig moet deed scheppen er nu wes meer van die marchanten zouden verschijnen en wij in't kort de goederen zouden kunnen verdebiteeren; want inden tijd van Circa twee maanden die wij hier bereeds hadden door gebragt wijnig of niets buijten de zuijker aan den zo„ meenigmaele genoemde grooten koopman Nebahoumas hadden verkogt, die ons een door Eerlijk deugdsaam Man scheen te zijn ook die zo hier als nu de alle de omseggende plaatzen den voornaamsten handes dreef, gelijk wij de Eere hoopen te hebben uw hoog Edelheedens nader te verthoonen ende welke ook nog deezen dog vijf kassen met Noten. Musschaaten kogt. in welke ieder 30 lb: Nagusen gepakt waaren 979 Nomentlijk de Nooten voor rop:s 272½ ende Nogusen teegen 476½ rop:s het picos zo als den zelven in't vervolg nog drie dito kassen heeft genomen. — en volgenden morgen verschee„ „nen de twee Aquaanse kooplieden zijnde gen„t Gopieramme, en Radja„ rinas dewelke van ons kogten eenige Connos„ „sers Poeder Suijker benevens den 82 D Sougen 1758 VaMasquetta den 8: maij Teugen Loot, de zuijker voor de oude prijs dog voor't Loot konden wij niet meer bedingen als rop:s 13½, ook bij niemand anders als door dat zoort van kooplieden gezogt wierd en reeds bij de Engelschen hun gantzen aanbreng /: voor die prijs zo wij verneemen:/ hadden over genomen op ses maanden Crediet waer teegen Contante betaeling bedongen verho„ „pende de geringe markt van dit mine„ raal /: die wij wes principael hebben aan„ „gegaan om gem„te natie zo wes als zij ons te dwars booment en die koop lieden, naar ons uijt te sokken :/ door UW hoog Edelheedens al meede gunstig zal werden geapprobeert. den 23 diar maand verkog„ „ten wij dEerste twee kassen Garioffel Nagulen aan twee benjaanse koopbieden in Naam Goudia Hassem, en Goudia 't Picos Sieter 910. tegens rop:s 476½ hun de monsters der verdere aangebragte whaaren zien, dog dezelve waerde hun naer dat ze de prijzen verstaan hadden al meede te der. E Den volgen den Nademiddag ont„ E „fangen
English
Masquetta, 8 May 1758. Yes, we received a very unexpected visit from two envoys sent to us by the prince of Diewel-Sindie, who invited us to Nasser Pour. However, after having shown them the impossibility of undertaking that journey this time, as is reported at length under this date in our daily journal, they asked us whether we then had nothing private to report to their master, giving sufficiently to understand that they had been sent expressly to receive a present, and were also well informed that the Imam of Masquetten—who is the father-in-law of this prince, as his first lawful wife was the Imam's daughter—had enjoyed a present on behalf of the Company; indicating thereby that it was an annual custom of the English nation to greet the prince of Diewel-Sindie with a present, and that their prince was also surprised that we had not brought with us a single letter in writing from our masters to him. At which discourse we began to be a little embarrassed, but having considered the matter, we answered that our masters were not assured whether we would be able to trade here and be permitted to do so; From Masquetta, 8 May 1748. that it was indeed true that their prince had invited the Honorable Company several times to trade in his country, but man being mortal, someone might well have succeeded in his place who would not wish to tolerate us, and we did not doubt that we would subsequently be communicated with about this. Furthermore, we wanted to have the makisaar tell them that for the present we had brought nothing with us for a present, but he said that if we wished to be well treated here, and not depart dissatisfied, there had to be something, because otherwise the prince would be very displeased and make us pay excessive tolls. Wherefore we then had him say that there was a present on board which we would send on behalf of the Honorable Company as soon as we had had it brought over; to which they replied in turn that they would then wait until they had received it, because they were also expecting a present from the English; after which discourse they arose and went away. After they had departed, we asked our makisaar whether he had known nothing of the arrival of these envoys, and From Masquetta, 2 May 1738. and what we then indeed had to send to the aforementioned prince of Diewel Sindie. He assured us that he had only learned of it that morning from the merchant Nebahaumael, and that the present ought to be something of consideration, since he did not doubt that we would indeed receive a counter-present in return for the Honorable Company (which, however, failed to materialize, as is also evident from our daily journal). We thereupon resolved with one another and the aforementioned makisaar to make the present consist of such goods as we have the honor to bring to Your High Noblenesses' attention under the date of 30 January in our day register, calculated together at purchase price to the value of f 619:1, which we hope Your High Noblenesses will also regard with favorable approval, since it was impossible for us to excuse ourselves from these costs, it being indeed a matter of compulsion, and which present could still by no means equal that which the Governor of Bombay is said to send annually to the said prince, according to the account of the makisaar, who said he had this From Masquetta, 8 May 1758. from the mouth of the so frequently mentioned merchant Nebahoumael, to whose associate Radia Komme we disposed of the tin on the 30th of this month, after long bargaining back and forth, for 37 3/4 rupees the maund. Meanwhile, we saw indeed that few merchants came other than those already mentioned and time began to slip away fast, wherefore we agreed with one another that the last undersigned, with the makisaar, should proceed to Patta to see whether we could sell our remaining cargo there. For which purpose we also engaged a certain servant who had presented himself to us a few days before and spoke very good Portuguese, to remain with the first supercargo as interpreter in case any more merchants should appear at Auranga Bandar. In the meantime, the undersigned again received a letter written in Persian from the prince of Diewel Sindie, in which he proposed that they transport some horses for him to Surat on the Honorable Company's vessel; which being impracticable, they politely declined with a From Masquetta, 8 May 1738. counter-letter. On the first of February, the second undersigned departed for Patta with a vessel hired for that purpose, which also, on the advice of the makisaar, was laden with some of the Honorable Company's goods. Meanwhile, the first undersigned made a trip on board with the boat to effect the delivery of sugar from there for the merchant Nebahoumael, who had already as good as fulfilled his second term, leaving the Honorable Company's rented dwelling guarded by a trusted person. After his return, he received advice by letter from the second undersigned that he had arrived safely, though with much trouble, at Patta after a journey upriver of five days; that the said city lay indeed 2 to 2 1/2 miles inland from the river, and all the goods had to be transported toward the city on ox wagons and camels, with much expense and trouble, whereby he was very fearful that this would cause a considerable loss, especially of the spices, all the more because, due to the severe heat and drought that we encountered during the voyage, they had dried up to such an extent that the cloves fell through the cracks of those crates like dust.
Dutch transcription
Masquesta den 8 maij 1758 Ja „fangen wij Eene zeer onverwagte visitere van twee afgezanten door den vorst van die wel=Sindie aan ons gezonden dewelke ons naer Nasser Pour uijtnoodigden, dog naer hun de onmoogelijkhijt om die rijs dit mael te onderneemen aangetoont te hebben gelijk in't breeden op deezen datum in ons dag verhael is gemeld, vroegen zij ons of wij dan niets par„ „ticuliers, aan hun meester te melden hadden, genoeg te verstaan geevende zij Expres om Een present te ontfangen waeren afgezonden, en ook wel onderrigt waeren den Iman van Mas„ „quetten dat de schoon vader van deezen vorst is dewijle zijn Eerste egte Vrouw, des Imans dog ter was :/ een present Compagnies wee„ „gen had genooten; daar bij te kennen geevende het Een Iaarlijx gebruijk was vande Engelse Natie den vorst van die wel= Gindie met een present te begroeten dat hun vorst ook verwondert was wij niet een Letter schrift van onse meesters aan hem hadden meede gebragt over welk discours wij een wijnig begonnen verbeegen te werden maer ons bedagtt hebbende Antwoorden wij onse meesters niet verzeekert waaren of wij al„ hier zouden kunnen handelen en toe„ te ge Van Masquetta den 8 maij 1748 gelaaten werden dat 't wel waar was hun vorst d' E Comp: verschijde maasen ten handes in zijn land had doen uijt noodigen maar den mensch sterffelijk zijnde, er wel een in desselfs plaats had kunnen succedeeren die ons niet zoude willen dulden en niet twijffelden of zouden in't vervolg wel daer over werden onder„ houden, verder wilden wij den maeke saer doen zeggen wij voorteegenwoordige niets tot present hadde meede gebragt maer die zijde indien wij hier wel wilde behan„ „delt werden, en niet genoegen vertrekken er iets moest weezen, dewijl anders den vorst zeer onvergenoegt zoude zijn, Thollen doen betaelen, en ons Excessive waerom wij hem danleeden zeggen er Een present aan boord was t geene wij SEComp:s weegen zoude zenden, zo haast het hadde laaten komen, daer zij weeder op repli„ ceerden dan tot 't hadden ontfangen zoude vertoeven, dewijl van D'Engelse meede een present stouden te verwagten; naer welk diescours zij opstonden en weg gingen. — Na dezelve vertrocken waeren. vroe„ „gen wij onsen makesaar of niets vande komst deezer afgesonden had geweeten en ƒ e e Van Masquetta den 2 meij 1738 en wat wij dan wes aan den meerm: Vorst van Die wel Sindie moesten souden die ons betuijgden 't Smorgens van den koopm: Nebahaumats eerst had ver„ „noomen en dat 't present iets van Conside„ ratie dienden te zijn, dewijl hij niet twijffelde of wij zouden voor de EComp: wel een Con„ „tra present werder ontfangen /: dat egter is agter gebleeven zo als almeede bij ons dag„ verhaal komt te blijken :/ wij dersijden dan met den anderen en meerm: maekesaek het present te doen bestaan in zodanige goede„ „ren als wij d' Eere hebben Uw hoog Edelhd:s op den datum van den 30. Ianuarij bij ons dog register onder 't ooge te brengen, teegens inkoops met den anderen gereekent ter waarden van ƒ619: 1 dat wij willen verhoopen uw hoog Edelheedens almeede met een gun„ „stige approbatie zult willen beoogen, de„ „wijle het onmoogelijk is geweest ons van deeze kosten te Excuseeren, als wel eene daer toe gedwonge zaak zijnde en welk pre„ „sent nog op verre na niet konde Evenaeren bij het geene den gouverneur van Bombaij Iaarlijx aan gem„t vorst zoud, volgens verhaal der Maakes=t die zulx zijde 35 uijt Van Vasquetta den 8. maij 1758 uijt den mond: van den zo meenigmaale ge „ „mentioneerde koopm: Nebahoumael te hebben aan wiens Confrater Radia Komme op den 38 deezer het Thin na lang dingen overen weeder voor 37¾¼ rop:s 't Pudt verlieten. — Ondertusschen zaagen wij wes er wijnig kooplieden buijten de reeds genoemde meer quaamen en den tijd sterk begon te versoo„ „pen, waeromis wij met den anderen over een quaamen zig den Laast ondergeteekend met den Maakesaar naar Patta zoude begeeren, om te ziere of daar onse overige Lading konden verkoopen, waeromme nog zeekere dienaeren die zig wijnige daagen bevooren bij ons had vertoont en zeer goed Portugees siprak aannaemen, om bij den Eersten Carga als Tolk te verblyven ingevallen er zig nog Eenige kooplieden 't Drangaban der op deede Intusschen ontfangen d' ondergeteekendens weederom eene in't Perziaans geschreeve missive van den vorst van die welsendie, die dezelve daar in proponeerden eenige Paarde voor hem met 'sE Comp:s Boodem naer Souratten over te brengen, 't geene ondoenelijk zijnde niet Van Masquetta den 8. maij 1738 Contra brief beleefde lijk afsloegen. — met een Den Eersten februarij vertrok den tweede onder„ „geteekende met een daar toe afgehuurd vaarthuijg 't welk meede op aanraading der maakesaak met eenige 'S E Comp:s goederen besaaden was naar Patta en den Eerst ondergesz: deed onderwijlen met de schuijd een tegt naer boord, om de daar- derden afscheep van zuijker voor den koopman Nebahou„ mas te doen verrigten die zijn tweede termijn bereeds zo goed als voldaen had, laetende door een vertrouwt per zoon 'S EComp:s afgehuurde wooning bewoeren naer welkers te rug komst per missive advies vanden 2 ondergeteek: bequam denzelven gesuckig dog niet veel moeijten te Patta naer een optogt van vijf dagen, was gesand dat gem: Stad wes 2 â 2½ mijsen van de revier Landwaards in sag en alle de goederen Steede waards, op osse waagenen, en kameelen moesten werden getransporteert, met veele kosten en moeijten, waer door zeer bedugt was zulx een Considerable spillagie principael op de specerijen zoude veroorzaeken, te meer dewijle dezelve door de swaere hitte en droog„ „ten die wij geduurende de Rijs hebben ontmoet zodanig waaren ingedroogt dat de Nagulen als gruijs door de reeten dier kassen heen vielen O
English
1752 From Masquetta the 8th of May further, on the quantity of 3477, there was found a shortage of 126 and a half lb in the cargo, as well as on the nutmegs, whose amount consisted of 1085 lb, an underweight of 23 and a half lb, because they were very bad and mostly worm-eaten, and without being able to prevent this, although some effort was made to that end; that several merchants had come to welcome him and that an excessive coustumada, as they called it, was demanded of him by the toll collectors there, but that he had paid nothing yet, all mentioned at large in our journal. The second undersigned at Patta also had another visit from the aforementioned two envoys, who had departed thither during the absence of the first undersigned on board, to inquire again after the presents, who answered them thereupon that they were already prepared to be sent by one of our servants to Nasser Poer, and thanked them for the polite offer to take them along, as he then also sent them away shortly after with an express, trusted person to see what the aforementioned prince would give in return. However, he arrived with a single From Masquetta the 8th of May 1758 single letter of thanks, with orders to the toll collectors and his governors, both at Patta and Orangabander, to treat us well and to give all assistance that would be in their power wherein we might also need the same, yet all according to the translation of the broker Foek. In order not to importune Your High Nobilities long in your much weightier affairs with a long narrative of all that occurred at Patta, as all of that is set down at large to be viewed in this journal, we shall only proceed briefly to show Your High Nobilities that the second undersigned, during the two months that he had to stay in the aforementioned merchant city, has sold the following goods: 38 cases of cloves for the old price obtained at Orangabander, namely the 100 lb at f 514:18:6 and three fifths, the remaining two cases of nutmegs, item the 100 lb at f 2946:-, and the two suckers of mace at the conto lb f 648:-, for which price we would not have disposed of them if the greatest part thereof had not already been transported to Patta with much cost and effort on the advice of the broker by the second Masquetta the 8th of May 1748 undersigned; but the excessive expenses to bring them back again compelled us thereto, since it did not seem possible to negotiate one penny more, and these merchants had agreed upon this price as if in partnership with one another, as can be viewed at large in our journal under the date of the 8th of February. We were also further misled by the often-mentioned broker in the sale of the iron, which he had assured the second undersigned had been sold for 19 rop:s the picol, and would have yielded a decent profit if that sale had gone through; which goods, as well as the remaining sold sugar, which also had to be disposed of for the old price, he ordered from the first undersigned, who thereupon went down immediately to have it unloaded and carried toward Patta. But the goods having arrived there, the broker reported that the buyers of that mineral had vanished and that he saw no chance to dispose of it except only to the toll collectors, who wanted to take it over for the prince of the country From Masquetta the 8th of May 1738 and would pay us as much as they were accustomed to pay to the English, and that he said it would amount to about 13 to 14 rop:s the picol; and even then it was uncertain when the payment for it was to be received, which the undersigned judged not to be advisable at all, wherefore they let it remain in the vessel in which it had come up, the more so because we also learned that the English were still to receive over 10000 rop:s from that prince for delivered iron and lead, which had already been delayed for about three years. In the meantime, the first undersigned had also sold the spelter and the turmeric to the often-mentioned merchant Nebahoumas, namely the spelter for 21 and a quarter rop:s and turmeric for 16 rop:s per picol, which last-named root is in abundance in that place, and the first-mentioned mineral is brought in great quantity by the English. Thus, subject to the favorable approval of Your High Nobilities, we have also proceeded to the sale of those goods for the aforementioned prices in order to forestall that nation as much as possible in their wicked designs, which they had in any case to do us injury; just as we, for the aforementioned reason, Masquetta the 8th of May 1750 disposed of the case of porcelain as it stood to a merchant of Nasserie Poer with 15 per cent advance, the more so because several dishes and plates were already broken therein, as it was in very poor condition. In the meantime, the second undersigned cargo at Tatta sold to merchants of Agua, also as a half-forced matter, as is mentioned at large in our journal: four pieces of saai in assortment, the case of perpetuanas, one piece of abeniet, and six pieces of grains, all of which we were compelled to dispose of with a small profit, lest we should return them at a loss for the Company; which we also had to do with the greatest part of the manufactures, the fine cannees and camphor, for which last item they dared not offer half the invoiced price, and for the fine cannees at the highest 300 rop:s the picol, saying that they could acquire those from Souratta for 260 to 270 rop:s, which nevertheless seemed incredible to us. Whereupon the second undersigned did everything that was in his power for the sale
Dutch transcription
1752 Van Masquetta den 8 maij vielen zo als dan in't vervolg meede op de quantitijt van 3477. Souden die in Laading hebben gehad 12 6½ lb: te min hebben bevonden als meede op de Noten Musschaaten wiens bedrage in 1085: lb: heeft bestaan, een onderwigt van 23½ lb: door dien zeer slegt en meest vermollemt waere, en zonder dat men zulx schoon wat moeijten daer toe aangewent is, heeft kunnen voorkomen /:dat ver„ „schijde kooplieden hem waeren komen verwelle„ konnen en dat hem door de aldaer zijnde Thol„ lieden een Excessive Coustumada zo zij het noemden was afgevordert, Edog dat nog niets hadde betaelt alles in't breede bij ons dag ver„ „hael gemelt ook had den tweeden ondergesz: op Patta weeder het bezoek van den voor„ melte twee afgesanten (die in des Eerst onder„ „gesz: af zijn na boord :/ derwaards waeren vertrocken, om zig andermael naer de presenten te informeeren, dewelke daer op antwoorden dezelve bereeds vaardig waeren om door Eene onser bedienden naer Nasser Poer afgezonden te werden, en hun voor de beleefde presentatie die meede te neemen bedankten, zo als die dan ook kort daer aan weg zond, met een Expres vertrouwt per„ soon om te zien wat voorm: vorst te rug zoude Geeven, Dog quam met een Enkelden Van Masquetta den 8 marij 1758 Enkelden brief van dankbetuijging; met ordres aan de Thollieden en zijne Gouverneurs zo te Patta als Orangabander ons wel te behandelen en alle adjude te doen die in hun vermoogen zouden zijn waer in wij dezelve ook mogten van nodden hebben dog alles volgans Translatie van den maekesaeren Foek Om nu Uw hoog Edelheedens veel gemigtiger beezigheeden met een Lange Narratie van alle het voorgevallene op Patta niet lang te Importuneeren dewijl dat alles in't breeden bij dus dag register te beschouwen is meeder gesteld zo zullen wij maer kortelijk voortgaan met Edelheedens te VWV hoog vertoonen den 3 ondergeteekende in twee maanden dat in gem: koop stad zig heeft moe„ „ten op houden de volgende goederen heeft oinge„ „let, als 38 kassen Garioffes Nagulen, voorde oude prijs te orangabander behaalt, als de 100 lb: ƒ 514 18:6 3/5. pe mn: de overige twee kassen Nooten Musschaaten Item de 100 lb ƒ2946:— en de twee Soekels Foebij 't Conto lb: ƒ648 — tot welke prijs dezelve / niet zoude hebben afgestaan indien niet het grootste gedeelte daer van bereeds met deele kosten en moeijten op aan„ „raading vanden maakelaer door den tweeden ondergeteek:t O Masquetta den 8. maij 1748 ondergeteek: meede naer Patta was gevoert geweest, maer de Excessive ongelden om dezelve weeder te rug te brengen hebben ons daer als toe genootzaakt dewijl het niet mogelijk scheen een penn: meer te bedingen en die koop bieden deeze prijs als in Compagnies schap met den anderen hadden opgestemt zo als bij ons dog verhael in't breede op den datum vanden 8 februarij te beschouwen is, zijnde wij al verder door meerm: maekelaer mislijd ge„ worden inden verkoop van het ijzer dat aan den tweeden ongesz: verzeekert had ver„ kogt te zijn voor rop:s 19. het Pieds, en eene behoorlijke winsten zo die koop had door gegaan zouden hebben opgeworpen 't geen dan ook zo wes als de overige verkogte suijker /: die almeede voor de Oude Prijs heeft moeten afstaan:/ van den Eersten ondergeteek:d ontbood, dewelke zig daar op Inmediaat naer beneeden begaf om 't zelve te doen ontscheepen, en Pat„ tawaards te voeren, maar de goederen daar aangekomen zijnde, rapporteerden de maakelt: de koopers van dat mineraal waaren g'eEclipseert en gaen kans zag het zelve om te zetten als alleen aan de Pollie den die 't voor de vorst van't Land wil„ „den E Van Masquesta den 8. maij 1738 „den overneemen, en ons zo veel zoude betaelen als aan de Engelsen gewoon waaren, en dat hij zijde teegens 13 @ 14: rop:s 't picol zoude uijt„ „komen, ook dan nog onzeeker was wanneer de be„ „taesing daer toer voor te erfangen, 't geene de on„ dergeteekendens gands niet raadsaam oordeelden weshalven 't in het vaarthuijg waar meede boven was gekomen Pieten verblijven, te meer om dat ook vernaamen d'Engelse nog over de 10000 Rop:s aan geseevert ijzer en Lood, van dien vorst moesten hebben, dat al omtrent de 3 Iaeren hadde getardeert, ook had den 1. ' ondergesz: indien tusschen tijd het Spiaulter ende Eurkumar aanden meerm: grooten koopman Nebahoumas ver„ kogt als 't Spiaulter voor 21¼ rop: ende Euruma 16 rop:s p picos welk vaast genoemde wortes in Abondantie te dier plaatse daet en 't Eerstgem: minerael door de Engelsche in groote meenigte werd aangebragt zo zijn wij al meede op gunstige goed keure van UW hoog Edelheedens tot het afsteffpen dier goederen voor gem:t prijzen overgegaan om die natie zo veel mogelijk in haere booze desseijnen /: dewelke zij hadden om ons in al„ „len gevallen tort aan te doen :/ te verbijde ben gelijk wij dan Ook omgem: reeden met 15 T Masquetta den 8 maij 1750 t 15 p„r C=tos, advans de Cas porcesijnen zo als die stond aan Een Nasserie Poers koopman hebben afgestaan te meer dewijle er bereeds verschijde schootels en borden /: door dien zeer slegt gecondi„ „tioneert was :/ in waaren gebrooken Inmiddens verkogt den P„de ondergenoemde Carga te Tatta aan aguaanse kooplieden /:en al meede als een half gedwongen werk zo als in't breede bij ons dag verhoes gementioneert is:/ 4 p:s saakenen in zoort, de kas Perpetuaruen een stuk A„ „beniet en ses p:s grijnen, 't geene wij alle met een geringe winst genootzaakt zijn geworden aftestaan, zo niet tot schaade voor DE Comp: wilden te rug brengen dat ook wel hebben moeten doen niet nog het grootste gedeelte der Manu„ „factuuren de fijne Cannes en Campheur voor welke Laaste articul zij de helfte der aangeree„ „kende prijs niet dorsten bieden en voor de fuijne Cannees het hoogste 300 rop:s 't picos zeggende zij die van Souratta wel voor 260: @ 370: Rop:s konden magtig werden 't geene voor ons Egeter ongelooflijk scheen daar dat den tweeden Ondergeteekenden dan alles dat in zijn vermoogen is geweest ter verkoop
English
43 From Masqatte the 8 May 1738 sale of the above-mentioned goods at Tatta having been accomplished, the money collected, and some small items worth mentioning to show as samples to Your Noble Honours and manufactured there having been purchased, he proceeded on 5 April of this year again towards Orangabander, where we, for weighty reasons as we presume, also related at large in our daily journal, hastily left the iron to the merchant Nebahoumas for rop: 15: per picol, collected the outstanding moneys, settled with the toll collectors, and prepared ourselves for departure. Meanwhile we insert on the overleaf page the return of the goods sold, and to which we refer ourselves in all respect. Return Quantity 638747- lb: Powder Sugar ƒ 5645:14 3920 –. „ Pepper „ 561 — 29400 – „ Sappanwood „ 1377 — -„ 19700 – „ Keijser „ 2295 — —„ 1498 1¼ „ Tin „ 4972 10 —„ 9987½ „ Spiaulter „ 1881 13:8 500 — Prensuum „ 226 16 8„ 4 Radix China „ 8 19 —„ 112½ „ Coucleville „ 1573 10 8„ 105 — „ Wild Cinnamon of Sim:s „ 33 12 8 „ 250 – „ boot „ 314 18 8„ 2500 – „ Mace „ 188 10 –„ 259½ „ Cloves „ 1418 12 -„ 3344½ „ Nutmegs 172 1051½ „ Javanese Curcuma „ 221 7 -„ 1625 „ Cloths of various sorts „ 190 19 -„ 6 Ps Yellow Polemie't 30 1 — „ Perpatnaanen 30 15 — „ Grey cloth of sorts „ 1537. 9 8„ 6 – „ Porcelain „ 150 6 8 „ 1 — case „ 354 10 —„ Total „ 1342 7 8„- „ 64 16 —„ ƒ7506. 8. –. 15 From Masquetta the 8 May 1738 Return or account of the merchandise in the River of the Sindie disposed of in the year 1736, namely: Sorts Cost Charges Tolls Harbour dues, commission, and money-changer fees Net profit price Revenue profit achieved percent 45 From Masqaerra the 8 May 1738 achieved net profits on the Honourable Company's 10375 9 8 ƒ 1704 16 — ƒ 4139 1 8 ƒ 2317 7 8 ƒ 518. 15 8 ƒ9694. 19 ƒ40239 9 — ƒ 71¼ percent 1397 2 — „ 21 11 8 „ 58 7 8 „ 69 7 - „ 69 17 — „ 1223 19 - „ 662 19 — „ 118 — ditto 2222 13 — „ 34 6 8 „ 83 7 „ 46 13 8 „ 111 2 8 „ 1947 3 8 „ 570 3 8 „ 41 1/5 ditto 3191 8 —„ 49 6 -„ 119 13 8 „ 67 - 8 „ 159 „ 8 „ 2795 16 8 „ 500 16 8 „ 21 7/5 ditto „ 6107 17 – „ 94 6 – „ 239 – – „ 128 4. – „ 305 6 – „ 5351 1 – „ 378 11 - „ 7 3/5 ditto 82292 2 8 „ 35 8 - „ 85 19 - „ 48 3 - „ 114 12 - „ 8008 - 8 „ 126 7 - „ 6¾ ditto 351 — — „ 5 8 8 „ 13 3 - „ 7 7 8 „ 17. 11 - „ 307 10 „ 80 13 8 „ 35 3/5 ditto „ 27 — —„ — 8 8„ 1 — —„ — „ 8„ 1 7 — „ 23 13 - „ 14 14 — „ 164. ¼ ditto 3295 — — „ 35 9 - „ 86 1 -„ 48 4 - „ 114 15 - „ 5010 11 – „ 438 — 8 „ 27 4/5 percent 94 10 — „ 1 9 8 „ 3 „ -„ 2 — - „ 4 14 8 „ 82 15 - „ 49 2 8 „ 146 — ditto 364 10 — „ 5 12 8 „ 13 13 8 „ 7 13 8 „ 18 4 8 „ 319 6 - „ 4 7 8 „ 1 2/5 ditto 1681 11 — „ 25 19 8„ 63 1 - „ 35 6 -„ 84 18 „ 1473 3 - „1284 13 – „ 681½ percent 17211 9 8 „ 265 17 –„ 645 8 8. „ 361:9 —„ 860 11 8 „ 15078 3 8 „43659:11 8 „ 962 15/10 ditto 3094 11 8 „ 47 15 8 „ 116 1 „ 65 — - „ 154 14 8 „ 3711 — - „ 3489:13 8 „ 1124¾ percent 380 16 1 „ 4 6 8„ 10 10 8 „ 5 17 „ 14 1 „ 346 1 — „ 55. 3 — „ 38 4/5 ditto 2031 15 —„ 31 7 8„ 76 3 8. „ 42. 13 — „ 101 „ — „ 1780 —. — „ 842 10 8 „ 15 ¾ ditto 200 — — „ 3 2 - „ 7 10 — „ 4 4 — „ 10 — — „ 175 4 - „ 34 17 8 „ 16 ½ ditto 415 2 8 „ 6 8 8 „ 15 1 -„ 8 14 8 „ 30 15 - „ 363 13 8 „ 9 3 8 „ 2 3/5 ditto 1680 — — „ 55 19 – „ 63 — -„ 35 5 8 „ 84 — —„ 1471 5 8 „ 839 8 — „ 18½ ditto 74 10 8 „ „ 5 8 „ 5 14 8 „ 1 10 8 „ 3 13. — „ 65 10 — „ — 14 —„ 1 — percent „15388. 8 — ƒ2400 —. ƒ5026.1 — ƒ 263. 1. 8 ƒ1769 4. — ƒ16129. 50 ƒ61060:17 8 ƒ 81 ¼ ample From Masquetta the 30 May 1738. Whereby it becomes apparent that the Honourable Company, for this first voyage that was traded to the River Sindie, after deduction of all charges to which the goods are unavoidably subject in the course of trade, has gained in net profit a capital of ƒ61060: 17:8 or ample 81¼ percent. The commission that Your Noble Honours have been pleased graciously to grant to the undersigned, and which is also calculated thereon, we have, since this concerns both the cargo and invoices of the ship Marienbosch as well as those of the ship het Posgeld, left residing in the aforementioned capital, and judged that its distribution ought to take place after our return by order of Your Noble Honours. If we had now been provided with a good and honest broker, had had more time, and also had not needed to incur so many expenses due to the far remoteness of the trading places, and many other difficulties more to which we were exposed in our modest operations, then in all likelihood 47 From Masqatta the 8 May 1738 the goods, principally the sugar and spices, could have been turned over with considerably greater advantage than has now been obtained. Although, after applying all mercantile means, we have been so fortunate in that regard and hope to have been able to satisfy the always highly venerated orders of Your Noble Honours, except that unavoidably we had to exceed some articles thereof if we did not wish to cause even more loss to the Honourable Company by bringing back those goods, all of which has already been mentioned at large both in our daily account and in this report; wherefore we wish Your Noble Honours will graciously accept the same, and to believe that nothing was neglected regarding the application of our duty. Concerning now the expectation of this new trading place for the future and what goods are most in demand to dispose of there, we have the fortune hereby respectfully to submit to Your Noble Honours that which we have not only learned from several merchants, but also
Dutch transcription
43 Van Masgust da den 8 aij 1738 verkoop van booven genoemde goederen op Tatta hadre verrigt (det penn: ingezamelt, en Eenige noet te noemene kleenigheeden om tot monsters aan UW hoog Edelheedens te verthoonen en daer te Lande aangemaekt werden in gekogst hadde begaf hij zig op den 5 April deezes Iaars weederom 't naer Orangabander daar wij om de /:zo wij vermijnen :/ gewigtige reedenen bij ons dag Sourmaas almeede in't breede gemelt inder Eijl het ijzer aanden koopm: Nebahoumas voor rop: 15: 't picol over Sieten, de nog uijtstaande penn: innende, met de Thollieden afreekende en ons tot 't vertrek vervaardigden Intusschen Inserreeren wij aan de ommestaande zijde het rendement der verkogte goederen, en waar aan wij ons in alle Eerbiet gedraagen Rendement E t Quantitijt 638747- lb: Poeder Suijker Peeper 3920 –. „ 29400 – Sappanhout „ 19700 – „ Keijser 1498 1¼ „ Thin 9987½ „ Spiaulter 500 — Prensuum 4 112½ „ Radix China 105 — „ Coucleville 250 – „ Canneel wilde Sim:s 2500 – „ boot 259½ „ Foe sij of macis 3344½ „ Garioffel Nagusen 1051½ Nooten Musschaaten „ 1625 „ Circuma Iavaans Ps 6 Laakens in Soort Polemie't Geele „ 1 — 15 — „ Perpatnaanen Grijcen in Soort 6 – „ Porcelijnen 1 — kas E Sammeer s ƒ 5645:14 „ 561 — „ 1377 — -„ „ 2295 — —„ „ 4972 10 —„ 6 „ 1881 13:8 „ 226 16 8„ „ 8 19 —„ „ 1573 10 8„ „ 33 12 8 „ „ 314 188„ „ 188 10 –„ „ 1418 12 -„ 172 3 „ 221 7 -„ „ 190 19 -„ 30 30 „ 1537. 9 8„ „ 150 6 8 „ „ 354 10 —„ „ 1342 78„- „ 64 16 —„ ƒ7506. 8. –. 15 Van Masquetta den 8 meij 1730 Rendement ofte Aanwijsinge der Negotie Goederen inde Revier Du Soorten ostende E 45 Van Masqaerra den 8 maij 1738 behaalde Suijvere Winsten op 'SE Comp:s Wil Sindie verdebiteert de A:o 175 6/ Namentlijk Ongelden Thollen Matsbandij Provisie Wetto Peele Perentss en wisselaer prijs Provanue winst salaris behaalde 10375 9 8 ƒ 1704 16 — ƒ 4139 1 8 ƒ 2317 7 8 ƒ 518. 15 8 ƒ9694. 19 ƒ402399 — ƒ 71¼ r„m 1397 2 — „ 21 11 8 „ 58 7 8 „ 69 7 - „ 69 17 — „ 1223 19 - „ 662 19 — „ 118 — _„o 2222 13 — „ 34 6 8 „ 83 7 „ 46 13 8 „ 111 2 8 „ 1947 3 8 „ 570 3 8 „ 41 /5 c„o 3191 8 —„ 49 6 -„ 119 13 8 „ 67 - 8 „ 159 „ 8 „ 2795 16 8 „ 500 16 8 „ 21 7/5 _„o „ 6107 17 – „ 94 6 – „ 239 – – „ 128 4. – „ 305 6 – „ 5351 1 – „ 378 11 - „ 7 3/5 _„o 82292 2 8 „ 35 8 - „ 85 19 - „ 48 3 - „ 114 12 - „ 8008 - 8 „ 126 7 - „ 6¾ lilts: 351 — — „ 5 8 8 „ 13 3 - „ 7 7 8 „ 17. 11 - „ 307 10 „ 80 138 „ 35 3/5 _„o „ 27 — —„ — 8 8„ 1 — —„ — „ 8„ 1 7 — „ 23 13 - „ 14 14 — „ 164. ¼ _„o 3295 — — „ 35 9 - „ 86 1 -„ 48 4 - „ 114 15 - „ 5010 11 – „ 438 — 8 „ 27 4/5 r=m 94 10 — „ 1 98 „ 3 „ -„ 2 — - „ 4 14 8 „ 82 15 - „ 49 28 „ 146 — d„o 364 10 — „ 5 12 8 „ 13 13 8 „ 7 13 8 „ 18 4 8 „ 319 6 - „ 4 78 „ 1 2/5 sch„s 1681 11 — „ 25 198„ 63 1 - „ 356 -„ 84 18 „ 1473 3 - „1284 13 – „ 681½ r–m 17211 9 8 „ 265 17 –„ 645 8 8. „ 361:9 —„ 860 11 8 „ 15078 3 8 „43659:118 „ 962 15/10 sch:t 3094 11 8 „ 47 158 „ 116 1 „ 65 — - „ 154 14 8 „ 3711 — - „ 3489:138 „ 1124¾ r=m „ 55. 3 — „ 38 4/5 _„o 380 16 1 „ 4 6 8„ 10 10 8 „ 517 „ 14 1 „ 346 1 — 42. 13 — „ 101 „ — „ 1780 —. — „ 842 108 „ 15 ¾ _„o 2031 15 —„ 31 78„ 76 3 8. „ 4 4 — „ 10 — — „ 175 4 - „ 34 178 „ 16 ½ _„o 200 — — „ 3 2 - „ 7 10 — „ 415 2 8 „ 6 88 „ 15 1 -„ 8 14 8 „ 30 15 - „ 363 138 „ 9 38 „ 2 3/5 scht:s 8„- 1680 — — „ 55 19 – „ 63 — -„ 355 8 „ 84 — —„ 1471 58 „ 839 8 — „ 18½ _o 74 10 8 „ „ 58 „ 5 148 „ 1 10 8 „ 3 13. — „ 65 10 — „ — 14 —„ 1 — r=m „15388. 8 — ƒ2400 —. ƒ5026.1 — ƒ 263. 1. 8 ƒ1769 4. — ƒ16129. 50 ƒ61060:178 ƒ 81 ¼ Ruijn 6—„ 8„ Waer „ 8„ 8„ 8 „ 8„ „ 16 „ Van Masquetta 1n 30 maij 1740. Waar bij komt te blijken d' EComp: voor deeze Eerste rijs dat op De wel Sindie ten handel is geweest na aftrek van alle ongelden die de goederen onver„ „mijdelijk in de Loop der Negotie onderheevig zijn aan zuijvere winst heeft opgelegt een Capitaaltje van ƒ61060: 17:8- ofte 81¼ Percento ruijm. De Provisie die Uw hoog Edelheedens behaagt heeft de ondergeteekendens gunstiglijk toe te staan, en dewelke daar op meede zijn be„ „reekend, hebben /: vernids zulx zo wel de Laading en Cargaes van 't schip Marienbosch als die van 't schip het Posgeld betreft:/ bij op gemelte Capitael laeten berusten, en geoordeelt dies distributie laaten bevusten naer ons retour ter ordre van uw hoog Edel„ heedens behoort te geschieden Bij aldien wij nu van Een goede Boek en opregte Maakelaar hadden voorzien ge„ weest, meer tijd gehad, als meede zo veel guastos niet behoeven te maeken, door de verre af„ „geleegenthijt der handel plaatsen, en veele andere fatolitijten meer daar aan in onse geringe verrigtingen zijn geExponeert geworden zo zoude naer alle vermoede de e 47 an Masquetta den 8 muij 1758 de goederen principaal de zuijker en Specerijen met vrij meerder voordees dan nu zijn behaelt hebben kunnnen werden omgezet Schoon wij naer het aanwenden van alle mercantile middelen in dat opzigt nog zoo geluckig zijn geworden en zo wij verhoopen te hebben kunnen voldoen aan de bij ous althoos hooge Gevenereerde beveelen van Uw hoog Edel„ „heedens Excepto dat onvermijdelijk, eenige articuls derzelver hebben moeten te buijten gaan zo wij niet met den te rug breng dier goederen nog meer verlies aan d' EComp: hadden willen veroorsaeken alles bereeds in't breede zo weel in dns dog verhael als bij deezen rappforte gemelt, weshalven wij wenschen UW hoog „delheedens dezelve gunstelijk zullen laaten welgevallen, en te gebooven er omtrent het aanwonden van onze pligt niets is versuijmt D Belangende nu de verwagting van deeze nieuwe handelplaats voor't aanstaande en wat goederen aldaar het gewilste zijn vande hand te zetten hebben wij het geluk Uw hoog Edel„ „heedens bij deesen Eerbiediglijk voor te vragen dat geene wij van verschijde kooplieden niet alleen hebben vernoomen maer Ook
English
1758 From Muscat, the 31st also gathered from our own observations in this regard, namely: That powdered sugar may well be regarded as a primary commodity, without which it is impossible for that nation to live, but candy sugar in a small quantity is also sought after; next comes pepper and spices, though of the latter not in too great abundance, since half of the quantity of cloves that we have now brought there would be quite sufficient, but the nutmegs were not too much; the mace could also suffice with two sokkels. As for fine Ceylon cinnamon, its true value is unknown to them, for which reason we firmly believe the English nation imports very good wild cinnamon there and sells it at a good price under the name of fine cinnamon; one could also sell 15 to 30 bales of it with a good profit. Of camphor, that nation seems to have no knowledge at all, so that I do not believe it has ever been brought there before. Turmeric is found in that place in fairly sufficient abundance From Muscat, the 8th of May 1758 and consequently at no significant price. Sappanwood and textiles are brought there by the English in such abundance that the land is supplied with it in surfeit, indeed more than the Diwal Sindhi peoples can consume, especially when there are these inland troubles, whereby trade inland is very much restricted. It is similarly situated with the minerals of iron, steel, tin, spelter, and lead, which otherwise would still yield a fair profit. Cochineal seems reasonably in demand there, of which perhaps 3 to 4 casks could be disposed of, as well as some 15 to 30 chests of benzoin, with reasonable profit, though no other than the ordinary white sort. Further, we append a clear list of all such goods as are sent yearly by the Governor of Bombay to his two agents in Diwal Sindhi (for he only has them trade there on his private account, and not on behalf of his Company), namely: all kinds of textiles, which they can sell much cheaper than we can, because they are nowhere near as good in quality as the Dutch, Muscat, the 8th of May 1758 and are of less value to that nation. Chinese velvets, which can be sold for 5 to 6 rupees per ell. Coromandel chintzes of different patterns, which can also be disposed of for 7, 8 to 9 rupees. Ditto spices, which one can sell for up to 12, 13 to 14 rupees. Mirrors of all kinds. The value of 3 to 400 canassers of powdered sugar, both in bags and canassers, in an entire year. Ditto of 50 canassers of candy sugar in casks per year. Cinnamon, best wild sort, which they sell there at 130 to 140 rupees the picol. Cochineal, 2 to 3 casks in a year. Chinese gold, also a little ditto silver thread. White sort of [illegible], which one can sell for 9 to 10 rupees. Elephant tusks, which they sell per 125 lb for 180 to 190 rupees, the sort of 35 to 36 lb the piece being the best in demand there. Jaggery sugar, some 100 bags a year, which they sell calculated at 8 to 9 rupees the picol. The quantity of 3 to 4 picols of vitriol stone, which was sold at up to 36 to 38 rupees per 125 lb. Quick- From Muscat, the 8th of May 1758 silver in kind, at up to 2 to 3¼ rupees the lb retail price there. Sappanwood and sandalwood, the prices undetermined and fluctuating. Surat ghee is sold there at up to 26 to 28 rupees per 125 lb. Pootjes at 1½ to 2 rupees have been sold. Bengal dry ginger is sold there at up to 8 to 9 rupees per 125 lb. As also the soosies from Transaai, of which they import 3 to 4 corges in the year and sell the piece at up to 4 to 4½ rupees. White Bengal rice, the maund of 75 lb at up to 2½ to 3 rupees. Dried broken coconuts at up to 12 to 13 rupees per 125 lb, being without shell. [illegible] or galangal, as they call it, at up to 20 to 21 rupees per 125 lb. Radix China, calculated at up to 16 to 18 per 125 lb. Red lead, they give the 5 lb for one rupee. False glass beads that come from the Levant are also brought, but the price is according to their quality. Woven Chinese fabrics of different colors they sell at up to 35 to 36 rupees the roll. Pout-de-soie and armozeens are also brought by them. Raw Muscat, the 8th of May 1758 Raw Bengal silk, at up to 3 to 4 rupees the lb. Sticklac, retail calculated at up to 50 to 55 rupees the picol. Small sort of pocket knives, which they sell the 20 pieces for 2½ to 3 rupees. And further, all kinds of Nuremberg wares. Surat kapok, they sell the 125 lb for 27 to 28 rupees. And the arsenic just as much, up to 56 to 58 rupees. The iron they sell to the ruler of Diwal Sindhi (who alone buys it) calculated at 15 to 16 rupees the picol, and on credit. As also the steel, which they sell for 25 to 26 rupees for the same weight. The tin, spelter, and lead, depending on whether the supply is large or small, the price falls or rises, as does the vent inland. They also bring saber blades there, which they can sell for 1 to 1½ rupees the piece. As are also brought by them Malabar dried whole coconuts, of which they sell the 100 pieces for 3 to 3½ rupees. For which merchandise they then in return
Dutch transcription
1758 Jant das quetta den a1 ook door Eijgene remarcques dies aangaande hebben Namentlijk op gevat Dat de Poeder zuijker wel door Een hoofd Articul mag werden gehouden, zonder dewelke het die Natie onmogelijk is te Leeven, dog de Candij in Eene geringe quantitijt, ook wel werd gezogt waer aan volgt de Peeper en Specerijen Egter van het Laaste niet als te meenig vuldig, kunnende de helfte der quantitijt Nagulen die wij er nu gebragt hebben genoeg bestaan maer de Nooten waeren niet te veel, de Roesij konde met twee soekels meede wel toe rijken, Rijne Cijlonse Cammnes daer van is hun de regte waerde onbekend, waerdm wij vast gelooven D Engelse Natie aldaer zeer goede wilde Cannees aan brengt, en voor Een goede Prijs onder den Naam van sijne Canneel ver„ koopt, ook zoude men daar van 15 a 30.' Baalen Raaalen met goed advans kunnen S omzetten vande Comphour Schijnd die t Natie in't geheel geen kennis te hebben zo dat niet geloove die er ooijt te vooren is gebragt, de Curcuma volt ter dier plaatse genoegsaam in Eene tamelijke abundantie te en E an Masquetta den 8 maij 1758 en derhalven op geen Naamwaardige Prijs, 't Sappan„ „hout en Manufactuuren werd door de Engelsen aldaar zo meenigvuldig gebragt, dart in overvloed Ia meer als de Diewel Sindische volkeren kunnen verbruijken, het Land daar van voorzien is, principaal wanneer er dees Insandse troubelen zijn waer door den handel Landwaerds in zeer werd gestrenrt gelijk het zodanig met de mineraele van rijzer, Staas, Thin, Spiaulter en Lood is geseegen, die anders al meede nog wel een tamelijke winst zouden opwerpen, de Couchenille schijnt daar reedelijk gewild waer van Ligt 3 â 4 vaaten zoude kunnen werden verdebiteert, gelijk ook meede wel een 15 a 30. kassen Benzuin, met tamelijke voordeel dog niet anders als de or„ „dieiaire witte soort. — Verders laaten wij volgen Eene Nette Notitie van alle zoda„ „nige goederen als er Iaarlijx door den Gouverneur t van Boenbaij aan zijne twee Commissianten te Die wal sindie werd gezonden /:want die maer voor zijn particulier, en niet van zijn Comps weegen aldaar Laat Negotieeren:/ Namentlijk aller hande soorten van Manufactuuren die dezelve vrij beeter koop dan wij kunnen van de land zetten dewijle dezelve op verre na zo goed niet als de hollandse in deugt E E ƒ En Masquetta en 2: maij 1750 En voor die Natie van bie der Valeur zijn. Chineese Fluweelen die voor 5â 6 rop: dElle kan verlaaten. — Cormandelse Chatpen van differente gronden dewelke al meede voor 7. 8 â 9. rop:s kunnen werden afge„ staan _„o Specerijen die men tot 12. 13 â 14. Rop:s kan ver„ debiteeren. — Spiegels van allerlij Soorten De waarde van 3 â 400 Cann: Beder suijker zo in zakken als Cannassers in een gehees Iaar. — „ _„o van 50 Cann:t Randij suijker in vaaten 's Jaars Connees beste wilde zoort deese aldeer verkoopen tot 130 rs: 140 rop:s het picol. 8 Couchinille 2 a 3 vaaten in Een Iaar Chinees goud ook een wijnig d„o zilver draat, witte soort Arreet die men kare boeten v00r gu: 10 op:s Eliphants tanden die zij bieden de 135 lb: voor rop:s 180: a: 190: omsetten zijnde de zoort van 35: â 36 lb: het stuk de beste daergetrokken. - - Iager suijker een 100 zakken in't Iaar die ze voor 8:a: 9: r0 p:s 't picol gereek:t vertieren. De quantitijt van 3: a: 4 picols vitriool steene en tot 36 â: 38 Rop:s de werdt verkogt de 125 lb:— E Gd Durk 51 Van Masquetta den 8 maij 1738 uik zilver in zoort tot 2 a 3¼ Rop:s 't lb: uijtkoops aldaar: Sappanhout, en Sandelhout, de Rijzen onbepaalt en wisselvollig. Sourats gees werd daar verkogt tot 26 â 38 rop:s de 125 lb: Paatjes â Rop:s 1½ tot 2, heb„ ointsletten. Bengaalse drooge Gember werd daar tot 8 â: 9 rop:s de 135 lb: verkogt Gelijk meede de soesjes de Transaaij die zij bieden in't Iaar 3 â: 4 Corsjes aanbrengen en het p:s tot 4 â 4½ rd:s verdebiteerd Witte bengaalse Rijst de man van 75 lb: tot 2½ a 3 kop:s Gedroogde gebrooke Clappus tot 12 â 13 rop:t de 125. lb zijnde zonder bost. Seplemoes of te Gallanje zoo zij het noemen tot 20: a: 31 Rop:s de 125 lb:. G Cadix China tot 16 â 18: de 135 lb: gereekent. Menie geevense de 5 lb: voor Een rop:n Valse glaasen Paarlen die uijt de bevandt komen werden en al meede gebragt dog de Preijs naar haar waarden Collen Chineese Stoffen van differente Couleuren verkoopen zo tot 35 â 36 rop:s de Roll Poortesooij en atrmozijnen werden door hun almeede aangebragt. 7 Ruwe de asquetta den 8 maij 1738 Nuwe bengaalse zijde tot 3a4 ropp:s 't lb: Gouwik op stokjes tot 50 â: 55 rop:s het picos gereekent uijtkoops Kleene zoort Huibmesjis die zij de 20 stux: voor 2½ â: 3 Rop:s verlaaten. — En verders allerleij zoort van N eurenburger kra„ „merijen Sourats kappok verdebiteerense de 125 lb: voor Rop:s 27 a 88. — En de Arsenicum even zo veel, tot 56 4: 50 rop:s Het ijzer verloatense aan den vorst van die wel sindie /:die maer alleen koopt:/ voor 15a: 16 rop:s 't picol te reekenen en op Credit. — Als ook het fstaal dat ze voor 25 â 26 rop:s de zelve wigt verlaaten. Het Thin Spiaulter, en Lood, naar den aanbreng groot of gering is daalten rijst ook de Prijs dan wel den aftrek bandwaards DM brengen zij er Sabes klingen die ze voor 1a 17½ rop:s 't p:s kunnen om zetten Gelijk meede nog door hun werden aangebragt Malabaarse gedroogele heele klappus Nooter s: tierde de 100 p:s voor 3a: 3½ rdep:s verlaaten Voorp welke koopmansz: zij Lieden dan in re„ tour A in
English
From Masquetta, the 8th of May 1738 ...return trip to Prince Dombaaij... Putchuk, which they purchase at the maund Pacca of 42 heavy seer, which in our weight comes to 73½ lb, paying from 80 to 85 rupees, but the supply from upcountry is either plentiful or too small. Asafoetida, for which they spend for an equal weight from 95 to 100 rupees. Shawls and hoetnies of all kinds, seer, ghee, wheat, barley, rapeseed, also rice if the crop has been large, saltpetre, though black and unrefined, which they buy at the aforementioned maund for 2 to 2½, and likewise Indigo up to 145 to 150 rupees the maund Pacca, and very white salt made in pans at 12 to 13 up to 15 rupees the kharwar of 3000 lb weight. Furthermore, all kinds of linens, both raw and bleached, are to be had there, which the aforementioned commissioners keep in stock and have made expressly as long and broad as they desire, since the Diwalsindi nation has no fixed and established standard for length and breadth regarding the making thereof... Masquetta, the 8th of May 1738 ...with regard to linens, but keeps everything as coarse cloth and very narrow fabrics without headers, unless it is expressly ordered and there is time to have it made, and they also receive advance money. Proceeding herewith to the transaction of the purchase of the small sample goods which we have the honor reverently to present to Your High Nobilities, and which we were able to obtain during the time we stayed there, in order that you should be fully informed of what the products of Diwalsindi consist of, hoping that this will likewise be favorably approved by Your High Nobilities. From Masquetta, the 8th of May 1738 40 pieces koetens [illegible] 6 pieces boegies [illegible] 12 — — 164 — 20 — — 27 — — 64 — — 86 8 — 28 — — 37 16 — 10 — — 13 10 — 75 — ƒ1016 7/5 in what concerns the following, namely: 2 pieces kalbeseij No. 1, length 10, breadth 1, at 10, 20 — — 27 — — 2 pieces ditto No. 2, length 10, breadth 1, at 7, 14 — — 18 18 — [illegible] No. 3, length 10, breadth ¾, at 5, 10 — — 13 10 — 4 pieces sammawaar No. 24, length 17 guz, breadth 1, at 16, 64 — — 86 8 — ditto No. 16, at 10, 20 — — 27 — — 6 pieces saudesbas No. 24, breadth 1 1/16, at 17, 102 — — 137 4 — 1 piece so-called soesjes No. 18, length 1 guz, at 9, 9 — — 12 3 — 80 lb Putchuk, being all the goods of that sort to be had in Diwalsindi this time, at 150 rupees the picul, 96 — — 129 12 — 1040 pieces chank shells, being likewise no more to be obtained this time, at 12 rupees the 100 pieces, 124: 12 2/5, 168:9:9 1/5 150 lasts of Diwalsindi white salt at 3000 lb per last, delivered on board freight-free, at 13½ rupees the last, to serve as ballast, 1875: —. —, 2531:5 — 25 pieces shawls or turbans, at 27, 675 — — 911 5 — 30 pieces chintzes, length 6½, at 2, 60 — — 81 — — 30 pieces blue boetha No. 15, length 1 span, at 2, 60 — — 81 — — Total for the above: rupees 3335: 1 2/5, ƒ4503:6:9 1/5 With export and import duties together at 2¼ percent: 75: 11 1/5, ƒ101:6:7 1/5 Comes together to a sum of Rupees 3410: 12 7/5, ƒ4604:13:— We would also have brought some sample pieces of the raw bleached linens to show to Your High Nobilities, had we not, as in many other different cases, been disappointed by the broker, because we had given him a commission and expressly ordered him to provide us with some of them; but he continuously kept us waiting with the assurance that it had been ordered and was being made, until the time of our departure, when he claimed that the weavers had not wanted to make it because we had not given money in advance as the English did, by which means those samples were left behind. The reason why we proceeded to purchase salt for ballast is this: that it was well worth the rupees for each last, rather than if we had only taken clay, with which we would otherwise have been forced to ballast the vessel, since the freights of the boats amount to three times as much as the salt costs; and therefore we judged it more advantageous to the Honorable Company to ballast the ship with something from which these expenses could still be recouped, rather than with clay, which can serve for nothing else than to be thrown away; besides the fact that salt is far more beneficial for the preservation of a ship than other ballast, wherefore we hope, From Masquetta, the 8th of May 1738 Your High Nobilities will approve this our conduct, as well as the expenses which the undersigned supercargoes were unavoidably forced to incur both at Masquetta and Diwalsindi, and which together amount to a sum of Rupees 1153: or ƒ1556:11:—, excepting the presents made to the Prince of Diwalsindi, etc., and besides the amount of the charges fallen upon the trade, as well as the refreshments provided to the crew, the two months' advance wages given to them, together with the purchase of the necessities for the vessel, the pass money, of all which the expense account is specifically attached behind our trade journals as proof. It now remains respectfully to communicate to Your High Nobilities the tolls, licenses, and customs which all foreigners who come to trade at Diwalsindi are obliged to pay, consisting of the following articles, namely: Two percent of all goods that are sold, for the Prince of Diwalsindi.
Dutch transcription
59 Van Masquetta den 8 maij 1738 „tour naar P:s Dombaaij te rug henden Soetjoek dieze inkoops de man Pekka of 42 zwaere Cheer dat niet in ons gewigt teegen 73½ lb: uijtkomst, van 80 tot 85 ropp:s betaalen maer den afvoer van booven uijt het land meenigvuldig of te gering is. Assa Retida waer voor ze een Eeven gelijk gewigt van 95 tot 100 rop:s besteede. Chaels en Hoetnies van allerhande zoorten seer, die, Taruw, Garst, Raap Sij, ook rijss als 't gewas groot is ge„ weest, salpeeter dog zwart en ongezuijvert die zo de man voorm: tot 2 a 2½ betaelen en daar viet gelijk ook Indigo tot 145. a 150. rop:s de man Pekka en zeer wit zout in Pannen gemaakt tegen 12 â 13 tot 15 rop:s het Crost van 3000. lb: Zwaax. Nog vallen daer te soude allerhande zoorten van Eij„ „ „waaten zoo ruwde als gebleekte die gem: Commissienten in voorraad en Expres zo lang en breed zij die begeeren laaten aan„ dewijl de „maaken, de Die Wel Sindiesche natie geen vaste en bepaalde net der bengte en bereeten omtrent het maeken tunnen als ende Masquetta den 8 moij 174 Ommet lijwaaten houd maar alles sapies ge„ „gerijs en zeer Swal weeren zonder hoofden ten waere het Expres werde besteld er tijd is om te kunnen doen maaken en zij bieden ook geld in voorraad genieten Hier meede nu overgaande tot de verhande„ „ling der Inkoop vande geringe monster goedertjes die wij d'Eer hebben V hoog Edelheedens reverentelijk aantebieden en die wij inden tijd daar hebben vertoeft zijn magtig kunnen werden op dat ten vollen zoud wer„ den onderrigt waer inde Producten van Die Wil Sindie bestaan koo„ „pende zulx almeede door UW hoog Edelheedens gunstelijk zal werden geadvoijeert. — 2 E - . 6 Van Masquetta den 8 maij 1750 40 p:s koetens 6 „ boegies - - 12 — — „ 164 — 20 — — „ 27 — —„ 64 — -„ 86 8 — 28 — - „ 37 16 — 10 — - „ 13 10 — 75 — ƒ1016 7/5 in't geen 't volgende Concerneerende is Namentlijk 2 „ kalbeseij. . . . N. o 1 _„ 10 „ 1 „ „ 10 „ „ 2 „ 0 - 1 „ „ 7 „ „ - - . . . . „ 3 _„o 10 „ ¾ „ „ 5 „ „ 4 „ Sammawaar. - - - -. - _„o 24 „ 17=mn „ „ 16 „ „ d„o - — — – – _„o 16 „ „ „ 10 „ „ 20 — — „ 27 — — 1 O 6 „ Saudesbas - - - - _„o 24 „ 1/16 „ „ 17 „ „ 102 — —„ 137 4. — 1 „ Zagenaamde Soesjes - - - - _„o 18 „ 1r=m „ „ 9 „„ 9 E - 80 lb: Poetjoek zijnde alle de goederend e dit mael in die wil sindie te bekomen waeren â roppias 150 't picol . . . . . „ 96 — —„ 129. 12 –. 1040 p:s Chancos hoorns zijnde almeede ditmael niet meer te be„ „magtigen de 100 p:s ropias 12– - - – – – – - „ 124: 12 2/5„168:9:9 1/5 150: Lasten Die wil Sindische wit zout tot 3000 lb: p„r 't Last vragt vrij aan boord geleevert teegen rop:l 13½ 't Last om tot ballast — Selt voor't booven staande rop:s - - 3335:12/5ƒ483:6:9 1/5 1 6 Bij aan uijtgaande regten te samen â 2¼ pCt = - - - - - Pang 8 brt: 1/ @ a 4½ rop:„ 180 —: — „ 243 — — - - - . „ 2 _„o 10 „ 25 „ Chaals of Sulbanden . . . . . . . . . . „ 27 „ „ 675 — —„ 911 5 —– 30 „ Chitzen _: ' 6½ - - - „ 3 „ „ 60 — —„ 81 — — 30 „ boetha blauwa - - - - - _„o 15 „ 1scht „ „ 3 „ „ 60 — - „ 81 — — te dienen - - - - - - - – – - „ 1875: –. – „ 3:5 — 2 „ Komt tesamen een Somma Rop s„ 3410: 12 7/5ƒ64:13— Wij zouden van de ruwe gebleekte Lijwaten meede wel eenige monster stucken ter ver„ „thoning aan UW hoog Edelheedens hebben aengebragt indien wij door den Makesaar almeede gelijk in veele andere verschijde gevallen niet waeren ter Eeut 1 gesteld 4 „ d„o 2 „ Py do — — —„ 12 3 —. 55 Vn Masquetta den 8 maij 1758 gesteld dewijle hem Commissie hadden gegeeven en wel Expresselijk gelast ons daar 't Een en ander van te verzorgen, dog denzelven heeft ons telkens met de Verzeekering het besteld had, en aangemaakt wierd op gehouden tot den tijd van ons vertrek als wanneer voor gaff de weevers 't niet hadden willen maaken om dat Wij geen geld in voorraad zo als de Engelse deeden, hadden gegeeven waer door die monsters dan zijn agter gebleeven. — De reeden nu wij zijn overgegaan om zout tot ballast inte koopen zijnden deeze dat het wel op wegen Ropias voor ieder last indien wij maer kleij waer meede wij anders genootzaakt zouden zijn geweest den boodem te belasten hadden genoomen dewijl de vragten der vaarthuijgen wel drie moes zo veel komen te reeideeren als het zout inporteert, en derhalven voordeeliger aan d'EComp: oordeelen te zijn het schip te ballasten met iets waer uijt deeze ongelden nog kunnen werden vergoed dan niet kleij die nergens anders als om weg geworpen te werden kan dienen, behalven nog dat 't zout vrij voor deeliger tot preservatie van Een schip dan andere belast is, weshalven wij verhoopen Nt. Van Vasquetta den 8 maij 1730 W hoog Edelheedens V deeze onse behandeling zult goed keuren gelijk meede de guastos die de ondergeteekende Cargas Onvermijdelijk genootzaakt zijn geweest zo op Masquetten als Die welsindie te maaken en dewelke te samen bedragen Een somma van Rop:s 1153: of. ƒ1556:11:— Excepto De pre„ „senten aan den Vorst van Die wel Sindie etc: gedaan en behalven nog het montant der ongelden op de negotie gevallen gelijk meede de verversing aande scheepelingen ver„ „sertrekt, de twee maesige aan dezelve gegevene goede maanden benevens den inkoop van't be „noordigde voor den Boodem het Pasgeld van welke alles specificq ten blijke de onkost reekening agter onze handes blaadertjes zijn gevoegt. — Volgende nu nog aan UW hoog Edelheedens Eerbiediglijk meede te deelen de Thollen, Licenten en Coustumados, dewelke alle vreem„ „delingen die op Die wal Sindie koomen han„ „delen genootzaakt zijn te betaalen, bestaande inde volgende Articulen als. — Twee PerCentos van alle W:t haaren die verkogt werden voor den vorst van Die wel Sindie 67
English
From Masquetta, 10 May 1758 Diewel Sindie (though by us only one and a half was paid), three-quarters per cento of the aforementioned to the Jam or Prince of Dera, except for sugar, of which 1½ per cento must be paid. Hoeselminie or Cannoga is a toll for the servants of the same, being half a ropia per 100 maund weight of pound-goods, each maund reckoned at 75 lb Dutch, and in addition for just as much weight, a baceijs of 4½ annas at 16 to a ropij for the aforementioned toll servants. Next, to the same, further for each laden vessel departing for Tatta or going up the river, one ropij and four peijza at 48 per ropij. Dirrowaeij is a toll on 7 maund perka weight at 42 cheer at 1¾ lb Dutch per cheer, three annas or 9 peijza. However, a coustumada, as they call it, for each laden vessel that departs from Orangabander or Dera upriver, twelve ropias, for the benefit of the toll-gatherers assigned to them by the Prince of Dera. From Masquetta, 8 May 1758 assigned to them by the Prince of Diewel Sindie. Furthermore, to the aforementioned Jam or ruler of Dera, on each of the vessels just mentioned, a toll of Ropias 27, whether large or small, just as must also be paid to the same a costimade of forty ropias for each ship or small craft that has cast anchor in the roads of Diewel Sindie to trade. Just as also at Tatta upon the arrival of each laden vessel, for the benefit partly of the Prince of Diewel Sindie and the rest for the toll servants, there must be disbursed a customada consisting of three sorts, namely: for the largest vessels one hundred and fifty, for the middle sort one hundred, and for the smallest seventy-five Ropias, which flat-bottomed vessels must also all be able to carry by maund-weight and are constructed accordingly, as for 12, 8, and 600 maund capacity. From Masquetta, 8 May 1758 Just as also a payment must be made to the aforementioned Jam of Dera for all vessels coming from upriver or returning, whether laden or empty, for each Ropias five and a half, being that which they call misboerie coustumada. Having proceeded thus far in reporting that which the undersigned supercargoes have performed at Dewal Sindie, we were obliged to communicate to Your Right Noblenesses with the utmost dispatch. Further making bold, in the humble hope of favorable interpretation, to subjoin hereto some of our modest considerations as to what use and advantage this trading post might in future be to the Honorable Company if annually a large ship were sent to the two places, namely Masquetten and Dewel Sindie, with merchandise, which should then first endeavor to be in the last-mentioned roads in the late part of the month of October or beginning of November, unload its largest cargo of sugar and as many spices etc. there as can conveniently be disposed of in 3 to 4 months under the direction of a supercargo, who with two or three persons would remain behind to carry on the trade and collect some local products; during which intervening time that vessel could cross over to Masquetten in order to trade there likewise with some sugar, a good quantity of spices, iron, sheet lead, and spelter, all of which goods appeared to us during the short time we stayed there to find a ready market, since they even requested us to sell the spices and mentioned minerals there, which the Masquet merchants said they would willingly take off both ships, but not the sugar; however, not wishing to disobey the orders of Your Right Noblenesses, and in order to dispose of the sugar cargo of the ship Marienbosch the more easily, we, as well as the supercargoes of that vessel, judged it unadvisable to sell a part of our cargo there, but rather to direct the prow as quickly as possible toward Diewel Sindie. When that vessel should have completed its trade at Masquetten, which could likewise be done in 2 to 3 months' time, the same could return in the month of February to Dewelsindie to fetch the aforementioned supercargo with the collected cash and products, and in the latter part of March or beginning of the month of April turn the prow toward Batavia. Although it would yield just as much more profit on the goods for the Honorable Company if such a person remained behind for a full year to sell the same at the highest price, and whereby great damage would be done to the English nation, who at present possess the sole trade there; the more so since to the undersigned all prerogatives have been offered that one could hope for, just as they have also been presented to us at Masquetten by the government; in the respectful confidence that Your Right Noblenesses, considering throughout all our transactions which, as simple and sincere as well as faithful, unfeigned, and dutiful servants, we have endeavored to carry out, will take no displeasure, but on the contrary, should we have erred in anything, will kindly condescend to accommodate it with your wise judgment and excellent discretion. Wherewith we do ourselves the honor, after having first commended ourselves in the future to Your Right Noblenesses' customary generous favor, to subscribe this with due high esteem and to style ourselves with truth: Right Noble, Highly Esteemed, and Far-Ruling Gentlemen, and Well-Born Gentlemen, Your Right Noblenesses' most humble, most obedient, and most submissive servants. Signed: W: A Brahé, and N:s Mahuij In the margin: Aboard the ship het Pasgeld, the 8 May Anno 1757. To
Dutch transcription
Van Masquetta 10 maij 1758 Die wel Sindie /:dog door ons maer Een en een halve betaalt geworden/ Drie quart p„r C„to van Evengem: aan den Iam of te Prins van Dera Excepto van zuijker waar af 1½ p„rC=to moet werden betaalt. — Hoeselminie ofte Cannoga is een Tholl: voor de bediendens der zelve zijnde een halve ropia voor de 100:— man zwaarte der pond goederen Ider man â 75 lb: hollands geree„ „kent, en daaren boven van Even zo veel gewigt, een Baceijs van 4½ Amen tot 16 op een ropij voor gem: Pholl bediendens. — Vervolgens aan dezelve nog van ieder naer Patta ofte de revier opgaande gelaaden Vaarthuijg Een ropij en vier Peijza â 48. per ropij- Dirrowaeij is een Tholl op 7 man Perka ge„ „wigst â 42. Cheer tot 1¾ lb: hollands per Cheer drie Anes ofte 9 peijza Dog een Coustumada zo zij 't noemen voor ieder gebade vaarthuijg dat van Orangaban„ „der of Dera de revier opwaards vertrekt twaalff ropias, ten voordeele der Thollieden E hun Van Hasquetta den 8 maij 1748 hun door den Vorst van Die wel sndie toegevoegt Alverder aan den voorm„t Iam of Deras gebieder op ieder der zo Even gemelte vaarthuijgen een Thos van Ropias 27 't zij groot of kleen, gelijk nog aan de zelve moet werden betaelt een Costimade van veerthig rop:s voor ieder schijd of te scheepje dat ter Rheede Die wel Sindie om te Negotieeren zijn anker heeft Laatene vallen So als almeede op Patta bij aankomst van in der gelaaden vaarthuijg ten voordeele gedeeltelijk van den Die wel sindieschen Vorst res ter Thos bedienden moet werden uijtgekeert een Costums do bestaande in dreeder bij soorten, als van de grootste vaarthuijgen Een hondert en vijftig vande middel zoort Een Hondert en van de kloenste vijf en seventig Rap:s welke plad boom de vaarthuijgen ook alle mands gewijs aan gewigt moeten kunnen Laaden en daar op zijn gemaakt als van 12: van 8 en van 600 man zwaarte gelijk te Van Masquette den 0: maij 1738 Gelijk ook nog een uijtkeering moet werden gedaan aan den voorm: Iam van Dera voor alle de van booven of te rug komende vaarthuijgen 't zij ge„ „saaden of Loedig voor ieder Rop:s vijf en Een halve en't geene zij mis„ „boerie Constumada noemen Tot dus verre gevordert zijnde met dat geene te verhandelen dat de ondergeteekende Cargas te Dewal Sindie hebben verrigt omtwaard en verpligt zijn geweest UW hoog Edel„ „heedens met de uijtterste missie meede te deesen Sig wijders verstoudende, onder ootmoedige hoope van gunstige welduijding hier bij te voegen eenige van onze geringe Consideratien tot wat nut en voordeel deeze handel„ „plaats voor d EComp: in't vervolg zoude kunnen werden als er Iaarsijx een groot schip naer d' twee plaatsen namentlijk Masquetten en De wel Sindie niet koopmansz: wierd: gezonden die dan Eerst in't Laast der maand October of begin van Novembr: op de Laast gemelte rheede tragten te zijn; zijn grootste Loading zuijker en zo veel spe„ „erijen etc: aldaer ontlasten, als met voeg in 3 a 5 Van Masquetta den 3. maij 1758 a: 4: maanden kan werden omgezet, onder de directie van Een Carga, met twee a drie Perzoonen bij zig liet verblijven, om den houdes te drijven en Eenige daer vallende Producten inte some„ „len in welken tusschen tijd, dien Boodem naer Masquetten zoude kunnen oversteeken om daar almeede te handelen met Eenige suijker een goede quantitijt specerijen ijzer, Thin Loof, en spiaul„ ter alle welke goederen ons inden korten tijd wij daar hebben vertoeft zijn voorgekomen wel vande hand te willen gaan dewijle men ons zelfs verzogt heeft de Specerijen en genoemde mineraalen aldaer te ver„ koopen die de Masquetse kooplieden zeijden van bijde de scheepen wel te willen aanslaan maer niet yc. de zuijker, dog de ordres van Uw hoog Edelheed„s niet willende overtreeden en om de zuijker Lading van't schip Marienbosch des te gemackelijker te doen afgaan hebben wij zo wel zowals de Cargas van diene boodem ongeraaden geoordeelt een stuk onzer Lading aldaar te verkoopen maar Liever zo spoedig mogelijk desteeven naer Die wel sindie te wenden Wannoer van dien Boodem zijne Negotie op Masquetten had verrigt dat almeede in 2â: 3: maanden tijd zoude kunnen geschieden zo zoude denzelven inde maand febr: naar De welsindie te 61. Van Masquetta 758 den 8 maij te rug kunnen keeren om voorm:t Carga met de ingesamelde Contanten, en producten af te haalen en in't Laast van Maart of begin der maand April de Steeven Batavia waarts te senden Schoon het Egter voor d' E Comp: nog wel zo veel meer winsten op de goederen zoude opwerpen als er een rond Iaar zodanig Perzoon overbleef om dezelve ten duursten te verkoopen en waer door de Engelse natie een groote afbreuk zoude geschieden. Die daar teegenwoordig maar alleen pertossisueeren te meer dewijle aande ondergeteekendes alle prero„ „gatieven zijn aangebonden die men zoude kun„ „nen verhoopen Soals ons op Masquetten door de regae„ ring almeede zijn gepresenteerd onder Eerbie„ „dig vertrouwen dat uw hoog Edelheedens verweegen ook doorgaans omtrent alle onze verhandelingen die zo een Eenvoudig en Cin„ „deer als Trouwhartig gelijk ongevijnsde en dienst Lievende dienaeren hebben tragten ter uijtvoer te brengen geene ongenoegen zullen scheppen maar in teegendees bij aldien wij ergens in mogten hebben geseijlt met des„ selfs wijs oordeel en uijtmuntende discre„ „tie goed grinstelijk zullen gelieven te te e ge Van Masquetta en 8 maij 1738 gemoet te komen. Naar meede wij ons d'Eere geeven deeze (: naer ons alvoorens in't vervolg UW hoog Edelheedens gewoone Edelmoedige / gunst te hebben aanbevoolen:/ met schuldige Hoog Agting te onderschrijven en ons met waarhijt te noemen /:onderstond:/ Hoog Edele Gript Agtbaere en Wijd„ O gebiedende Heere En wel Edele Heeren UW hoog Edelheedens Aller„ /:lager:/ Oostmoedigste, gehoorsaamste En on„ der-danigste Dienaeren /:was geteek:t:/ W: A Brahé, en N„s Mahuij, /:in„ margine:/ In't schip het Pasgeld den 8 Maij A„o 1757. — E 63 T Aan
English
From Masquetta, the 1st of February, Anno 1758 Batavia To his Excellency the High and Noble, Highly Esteemed and Wide-Ruling Lord Jacob Mossel, General of the Infantry of their High Mightinesses the Lords States General of the United Netherlands and on their behalf Governor General, Together with The Noble and Highly Esteemed Lords, Councillors of the Dutch Indies, High and Noble, Highly Esteemed and Wide-Ruling Lord, And Noble Lords, Whereas, according to our logbook, after having left the Dievel Sindie roads on the 20th of April of the past year, we were forced for many reasons stated therein, as well as by the attached resolution taken thereupon in the ship's council, to put into the Sonnecais roads, from where on the following 23rd of May we set sail again in order to turn the prow towards Batavia. But due to the continual adverse winds (as appears from the ship's journal) and despite all applied effort, after a troublesome voyage of over three months, we were forced by lack of provisions to drop anchor on the 1st of September in the bay of Poeloe behind Point Selebar, as we had the honor to inform Your High Noble Excellencies by our humble letter sent with the ship Sapienenburg. Which place was also the most fatal where we could ever have arrived, because they detained us for 17 days before resolving to provide us with rice, which was then our greatest lack. Indeed, had the English ship the Grampus not been lying in the said bay and had Captain Pool van Kevel upon his departure not provided us with half a dozen bags of rice, all our crew might very easily have died of want, although it ended unhappily enough as in the meantime most of them fell ill, as we also communicated to Your High Noble Excellencies by letters dated the 26th of November and the 30th of December, Anno Passato. To which we principally refer here so as not to importune Your High Noble Excellencies with multiple repetitions, the copies of which, as a precaution in case they might not have reached their address, have been added behind this annexed small report of ours; just as we also append the copy of the letter that we wrote concerning this great misfortune that befell us to the Lord Commander of Ter Zeele, together with a copy of his reply received thereto. When the crew had fallen into such a sorrowful condition, partly through the manifold fatigues endured on the voyage and partly from drinking the Poeloe water, which we were later assured is very unhealthy, indeed even the said anchorage itself, we deemed it best, upon the strong persuasion of the English who said that so long as we remained there with the vessel no recovery was to be hoped for, to run with the ship to the Bencoolen roads 31 days after our arrival, after we had already gotten as many as 30 sick within 3 days, in the hope that we could promptly be provided there with rice and further necessities. To which the Council of Bencoolen had only consented on the 17th of that month on the condition that we should assist them with gunpowder and hand over our salt ballast, which they promised to unload there in a short time and re-ballast the ship with sand, which was also immediately put into operation. However, this did not last long, because almost all the crew collapsed within 3 to 4 days, both in the Bencoolen roads and in the bay of Poeloe, among whom were the chief mate, both surgeons, and a second mate. For which reason it was inadvisable, with so few healthy souls as were then still on board, to entrust the vessel any longer to the above-mentioned roads, which in stormy weather from the north or southwest become an open sea and very dangerous. So we were then forced to bring the said vessel back into the bay of Poeloe, and for that purpose to hire 58 natives together with the person who had brought us as a pilot from the said place to the said roads, as the first undersigned, due to an indisposition caused by a severe fall, was not capable of performing this in person, which also had to cost one hundred and fifty Spanish reals. Whither the vessel was then brought back on the 1st of October, because one could lie there safely and sheltered from all winds, where with the help of natives we unloaded the remaining salt and ballasted the ship again. For due to the indisposition of the surgeons, we had to resolve to place the sick in the English hospital, for which, besides the salary of their surgeon, there had to be paid for an officer 1 Spanish real, for the petty officer the same 1½, and for each common sailor ¼ of the same per day, which amounts to an important sum, as appears from their accounts. In the meantime, while lying in the said bay, all who fell ill were repeatedly shipped off to the said hospital in the hope of a speedy recovery; however, no sooner were they recovered and on board than they relapsed, although all efforts and expenses were applied to provide them with daily fresh food and Bencoolen water (which also amounts to an important sum) in order to restore them.
Dutch transcription
Van Masquetta den 1 febr: A„o 1758 Batavia Aan sijn Excellentie den hoog Edelen Groot Agtb: en wijdgebiende heere Jacob Mosses. Generael over de Iufanterie van haar hoog Mogende de Heeren Staaten generael der verEenigde Neederbanden en weegens de zelven gouverneur Generaes Benevens Dewel Edele groot Agtb Heeren S Raaden van Neederlands India Hoog Edele groot Agtbaere en Wijd gebiedende Heere, En Wel Edele Heeren daar dat wij ingevolge ons dag register op den 20 april des gepasseerden Iaars de Rheede Die wel Sindie hedden verlaaten zijn wij om veele reedenen indezelve zo wel als bij geannexeerde daar van genoomene resolutie inden scheeps raad genootzaakt geweest de rheede Sonnecais aante Gieren van waar den 23 Maij daar aanvolgende weeder„ te S . - - „om 65 Van Masquetta en 1 febr: 1758. om verzijlden om den steeven Batavia waards te wenden dog door de Continueele teegenspoedige winden (:volgens blijk van't scheeps Iournaal:/ en alle aongenende moeijte, wierden wij na een suc„ - „kelijge Rijs van over de drie maanden ge„ „dwongen bij gebrek aan beevendsmiddelen het anker den 1 septbr: in de baaij van Poesoe agiter den hoek Selibaar te laten vallen, zo als wij de Eere hebben gehad Uw„ Hoog Edelheedens per vese onse geringe Letteren met 't schip Sapienenburg meede te deesen welke Plaats dan ook voor ons de Cattaalste was daer wij ooijt konden ter houw komen dewijle men ons 17 daagen op hield aller men resolveerden om ons met rijst waaraan doen ons grootste gebrek was te doorzien Ia had het Engels schip de grampus niet ingem: Baaij geseegen en den Capitain P„l van kewel ons bij zijn vertrek met een half dozijn zakken rijst verzorgt zouden alle onze volk zeer Ligitelijk aan gebrek hebben kunnen sterven schoon 't dag ongelukkig genoeg afliep dewijle in die tusschen tijd de meeste der zelve ziek geraakten zo als wij almeede MW„ „hoog - - Van Masquetar den 1 febr 178 Hoog Edelheedens bij missive de dato 26 Novembr: en 30 Decembr: A„o Passato hebben meede gedeelt en waar aan wij ons wel principaal bij deezen gedragen om Uw hoog Edelheedens niet met meenigvuldige herhaelingen te inportuneeren, zijnde de Copias derzelve diesweegen uijt voorzorge of dezelve hun addressen niet mogten hebben Erlangt agter dit ons bij gevoegd Rapportje geannexeert zo als daar ook nog bij voege de Copia missive die wij over dit ons overgekomen groot ongesuk aan den Heer Commandeur van Ter zeele hebben geszr: beneevens Een afschrift van dies daar op ontfangene antwoord waar dat dan het volk inzo eene droevige gesteldhijt was geraakt eensdeels door de veelvuldige uijt„ „gestrane Cattiques der rijs als oor't drinke van't Poeso water dat men ons daar na heeft verzeekert zeer ongezond te weezen Ia zelfs gem: legplaats, zo wonden wij /: op sterke persuatie vande Engelse die zijde zo lange wij daer te hopen hadden met den bodem lager geene herstelling vagen tot onzer best geraaden met 't schip 31 dagen naar ons arivement op de Bankoelse Rheede te loopen, na det wij bereeds in 3 dagen wel 30 zieken hadden bekomen in hoop men ons aldaar spoedig met rijst tende verdere benoodigheeden zouden kunnen voorzien 67 Van Masquetta den 1 febr: 1738 voorzien waer toe den raad van Bancahoeloe op den 17 dier maand Eerst had bewilligt op voorwaarde wij hun met kruijt moesten Adsisteeren en onze zout ballast overlaaten die men ons beloofden aldaer in Eenen korten tijd te zullen uijtlossen en weeder net sand ballasten zo als ook in mediaat wierd in't werk gesteld, dog 't geene niet lange duurde want meest alle het volk in 3: a: 4 daagen zo wel op de bankahoeloese rheede als inde baaij van Poeloe instorten en waer onder zig bevonden den opperstuurm: bij ud=e Cheru„„ „gijns en Een onderstuurman, weshalven het ongeraaden was met zo wijnige gezonde zielen als er doen nog maar aanboord waeren den boodem langer op de bovengem: rheede te vertrouwen die met storm weder uijt den Noord of zuijd westen eene open zee maakt en zeer gevoerlijk is zo dat dan genootzaakt wierden om gem: boodem weederom inde baaij van Poele tebrengen en daartoe 58— Jnlanders benevens den Perzoon dewelke ons als Loots uijtgem: plaats op dito rheede hadde gebragt aanteneemen, als den 1 onder„ „geteekenden bij indispositie door Een swaere val veroorzaakt niet in staat zijnde 't zelve N Van Casquetta den 1 febr: 1758 't zelve in perzoon te verrigten en dat almeede Eenhondert en vijftig spaanse reaalen heeft moeten kosten.— Werwaards men dan den boodem op den 1:' octobr: weederom afbragt dewijl men daer vijlig en voor alle winden beschuld konde leggen, daer wij met hulp van Inlanders 't nog inhebbende zout ontlosten en 't schip weeder ballasten want wij omde Indispositie van de Chirurgijns hadden moeten resolvee„ „ren de zieken in't Engels hospitaal te leggen waer voor buijten het salaris van dies Cherur„ „gijn moest werden betaalt voor Een officier 1 lp:s mat voor den onder officier d„o 1½ en voor ieder gemeene een ¼ d„o des daags dat al Een Importante Som komt te bedragen gelijk bij dies reekeningen komt teblijken, intusschen dat daer in gem:te baaij laagen liet men alle invallende zieken telkens naer gem: hospitael afscheepen op hoop van Eene spoedige herstelling dog dezelve waeren zo haast niet hersteld en aanboord of vielen er weeder op in schoon men alle moeijte en kosten aanwenden met hun daagelijkse versche kost en bankoels waater te doen verstrekken /: dat almeede een Jmportante Som beloopt:/: om derzelve
English
From Masquetta the 1 February 1738 to promote their health, but all was in vain and many of our people were snatched away by death. Meanwhile, the chief surgeon recovered again, upon whose advice we deemed it advisable, in order to manage these so excessive costs, to rent a house in Bancahoeloe and to establish a hospital therein ourselves, which we were permitted to do, though still with many difficulties. And wherewith one then made a beginning on the fourth of November of the past year and continued until the 17 January, at which time the remaining crew, about 7 to 8, were for the most part recovered. For in all, both from the English as well as our aforementioned hospital and aboard ship since we have tarried here, with an accidental mate mentioned in our missive, we have had a total of 32 deaths, besides another 31 who passed away during the voyage up to here, so that we with sorrowful eyes have had to behold that in all 63 souls of our crew, which consisted of 131 upon our departure, were snatched away from the land of the living. The remaining ones then all being on board and with the vessel ready to depart, yet far too weak to From Masquetta the 1 February 1748 to dare undertake the voyage with such a small number of crew, we requested assistance from the Commander, who answered us that he had no seafaring men /:just as he also constantly and most of the time, whenever we came to request something of him, put us off with flimsy excuses and fine promises without result:/. But that he would grant permission to some Chinese who had requested him to sail over with us to Batavia in order subsequently to return to their country, and that they could still be of much use to us. Which we then also, subject to Your High Nobilities' favorable approval, have accepted, a number of 15 Chinese having sailed over with us. Just as there also came to offer himself a certain English mate named Charles Elleijn, who being out of any service requested to sail over with us towards Batavia, and that he wished to serve on board for board and lodging, along with whatever Your High Nobilities might further be pleased to grant him; in which we then also, relying upon Your High Nobilities' favorable interpretation, have consented, because From Masquetta the 1 February 1752 6 because of all commanding officers only the chief mate alone was still left. Just as we on the 15th of November last, in that hope, have taken into the Honorable Company's service two Dutch sailors, each to earn up to ƒ10 per month, who had, as they claimed, deserted to us from the English European ship then lying in the roads. Subsequently, a few days before our departure, we found a slight opportunity to turn over the 11 bales of Camphor the Honorable Company still had in possession, at a reasonable profit, to one of the English homeward-bound ships recently arrived here from Madras, which came for a cargo of pepper with which they had to go to England. Of which, as well as of the sold salt, a small return follows here, namely: the salt of 3000 lb a last for ƒ 31:5, and the camphor per 100 lb Dutch up to ƒ 63: ample quantity sorts of cost Bancahoeloe charges incoming net gross per price goods tombangers customs duty revenue profit cent coolie wages 5 per cent 8918¾ Camphor ƒ435: 9— ƒ64:15— ƒ 8 5 — ƒ 30:18 ƒ5:16:8 ƒ17:9:8: ƒ 1½ „ 427500 salt ƒ2588:4 — ƒ4453:2:8 ƒ855 — — ƒ — — ƒ359:2:8 ƒ109:18:8 ƒ 39 — Sums ƒ 3023 13 — ƒ5064:17:8 ƒ8635:— ƒ 30 1:8 ƒ47:1— ƒ 147:8— ƒ 38 stivers other 71 in time From Masquetta the 15 February 175 Meanwhile, during the time of our unfortunate stay here, we found ourselves virtually forced to provide the crew for the third time with good-months on account of their miserable condition in clothing. And as we also, through this unfortunate fate that has befallen us, have been obliged to incur an excessive expense to the sum of ƒ10532:3: both for the ship's provisions and refreshments for our established hospital, as well as further necessities, of all of which the specific accounts of expenses as well as the remaining charges have been attached behind our trade sheets and are inserted herewith. And because our cash in hand was not current in Bancahoeloe without great loss on the same, the first undersigned, in order to be able to pay these charges, has had to take the liberty of drawing a bill of exchange on Your High Nobilities From Masquetta the 18 February 175 8 Nobilities to the sum of 3505: —: — Mexican dollars, which we hope will be favorably accepted and satisfied by Your High Nobilities, since all these enormous expenses have unavoidably had to occur, as appears from the account related hereinbefore. In the hope that Your High Nobilities will view with a favorable eye all our actions performed in the space of five months, during which we, to our great sorrow, were forced to stay in this place so fatal to us; since we declare in truth to Your High Nobilities that it was impossible to act otherwise in the same, as we also assure Your High Nobilities that we always /:after having recommended ourselves once again in the future to Your High 73 Ed High From Masquetta the 15 February 1757 Your High Nobilities' precious protection:/ shall show ourselves to be with the utmost high esteem /:was subscribed:/ High Noble, Right Honorable, and Wide-Commanding Lords and Noble Lords /:lower down:/ Your High Nobilities' most humble, most obedient, and most faithful servants /:signed:/ W: Brahé and Mahuij /:in the margin:/ In the ship Het Pasgeld, sailing out of the bay of Poeloe, this 1 February 1758 Register E
Dutch transcription
Van Masquetta den 1 febr: 1738 derzelve gezondhijt te bevorderen maar alles was te vergeefs en veele onzer volkeren wierden door de doot weggerukt, intusschen geraakten den oppermeester weederom hersteld op wiens advies wij geraaden vonden om deeze zo E zres„ „sive kosten te menogeeren een huijs op Banca„ „ 61 hoelde tehuuren en daer zelfs een hospitael in op te rigten dat ons nog met veele dificul„ „teijten wierd vergund te moogen doen, en waer meede men dan op den vierden Novembr: A„o passato een aanvang nam en gecontinueert hebben tot den 17 Jann: als wanneer de nog over„ „gebleevene mansz: op 7: a: 8 maar meest hersteld waaren want in alles zo uit En„ „gels als ons gem: hospitael en binnen scheeps boort zeedert hier hebben vertoeft met een verongelukten stuurm: in onze missive gem: een getal van 32 dooden hebben gehad behalven nog 31 die geduurende de rijs tot hier overleeden zijn, zo dat wij miet droevige oogen hebben moeten beschouwen er in alles 63 zielen van onze scheepelingen dewelke in 131 bij ons vertrek bestonden uijt 't sand der seevende zijn weggerukt, de overgebleevene dan alle aan boord zijnde en met den boodem ge„ „reed om te vertrekken dog veelste swak om te Van Masquetta en 1 febr: 1748 om met zo een gering getal manschap de rijs te durven onder neemen, verzogten wij aan den Commandeur om adsistentie die ons antwoor„ den goen zee vaerende en had /:zo als hij ons ook telkens en den meesten tijd als wij hem iets quaamen verzoeken met blauwe Exculen en mooije beloften zonder vrugt heeft op„ „gehouden :/ maer dat aan Eenige Chineesen die hem hadden verzogt met ons naer Ba„ tavia overte vaeren om vervolgens naer hun Land te reverteeren Permissie zoude ver„ leenen en dat die ons nog van veel nut zoude kunnen weezen 'tgeene wij dan ook op Uw „hoog Edelheedens gunstige approbatie hebben aangenoomen zijnde met ons over„ „gevaeren een getal van 15 Chineesen zo als er zig ook nog bij Ee quam aanbieden zeeker Engels stuurm: genaamt Charles Elleijn dewelke buijten Eenige dienst zijnde verzogt miet ons Bataviawaarts over te vaaren en dat voorde kost met 't geene Uw hoog Edelheedens hem ver„ ders zouden gelieven toeteleggen aanboord wilden dienst boen waarinne wij dan meede op uw hoog Edelheedens gun„ „stige welduijding hebben bewilligt ver„ mits E Van Masquetta den 1 en fobr: 1752 6 vermits nog maar van alle Commandeerende Offi„ „cieren den opperstuurm: alleen was overgebleeven gelijk wij op den 15 d vovbr: Jongst Leeden in die hoop in 'sE Comps dienst hebben aangenoomen twee weeder„ landse mattroosen ieder tot ƒ10 p„s maand te gewinnen de welke van het als daen ter rheede leggende Engees Euro„ peese schip zo zij voorgaven bij ons waere komen over„ loopen vervolgens von den wij wijnig dagen voor ons ver„ trek weijnig geleegenthijt sE Comp: nog in hebbende 11 baalen Camphur met een redelijke winst om te setten aan Eene der Engelse Iongst alhier van ma„ „dras gearriveerde retour scheepen dewelke bij de om Eene lading Peeper quaamen waermeede naer Engeland moesten, van welke zo wel als van 't verkog te zout hier een rendementje volgt Namentlijk 't zout van 3000 lb: een last voor ƒ 31:5 en de Camphur de 100 lb hollands tot ƒ 63: ruijm quanti„ zoorten v: kos „ behoelde ongelden Inko„ Netto Rebele Per„ Prijs tende w:e Tomban„ mende Pro„ winst Centos gersen regt venue coelie loo „ 5 p„r C: 8918¾ Comptin ƒ435: 9—ƒ64:15— ƒ 8 5 —ƒ 30:18 ƒ5:16:8 ƒ17:9:8:ƒ 1½ „ 427500 zout ƒ2588:4 —ƒ4453:2:8 ƒ855 — — ƒ — — ƒ359:2:8 ƒ109:18:8 ƒ 39 — Sommeert ƒ 8023 13 —ƒ5064:17:8 ƒ8635:—ƒ 30 1:8 ƒ47:1—ƒ 147:8— ƒ 38 schr„s ander 71 „nen „tijt Van Masquesta den 15:' Nefebr 175 omdertusschen vonden wij ons in den tijd onzer ongelukkig vertoef alhier als geforseert ten derde mael goede maanden aande scheepelingen te verstrek„ ken vermits hunne droevige toestand inkleeding en zo als wij ook door dit ons droevig overgekome nootlot verpligt zijn geworden eene Excessive kosten ter Somma van ƒ10532:3: zo voorscheeps als ons opgregte hospitaals verversingen verdere noodwendigheeden te moeten maeken van welke alle meede de Specificque onkost reekeningen zo wel als der overige ongelden agter onse handel bladert„ „jes zijn gevoegt en hier bij in„ sireere En vermits onze inheb„ „bonde Contanten op Banca„ hoelve niet gang baer waeren zonder groot verlies op dezelve heeft den Eerst„ ondergeteekende om deeze omgelden te kunnen betae„ „len de vrijhijt moeten ge„ „bruijken Een wis„ „sel op Mhoog „ delheed:s Van Malquetta den 18 dnfebr: 175 8 „ Edelheedens te trekken ter Somma van Medicaanen 3505: —: — die wij hoopen door UW hoog Edelheedens gunstiglijk zal werden geaccep:„ „teert en voldaan dewijl alle deeze bnorme guastos onvermijdelijk hebben moeten geschieden zo als blijkt bij 't hier vooren verhaalde. In hoope WWVhoog„ „delheedens alle onze be„ handelinge inden tijd van vijf maanden die wij tot on„ „zer groote Smert gedwon„ „ „gen zijn geweest ter deezer voor ons zo fattale plaatse te vertoeven verrigt met een gunstig ooge zult beschouwen dewijl wij uw hoog Edelheed:s niet waerhijt betuijgen onmoge„ „lijk anders in dezelve is kunnen werden gehandelt zo als wij uw hoog Edelheedens ook ver„ zeekeren dat wij althoos /:naer ons andermaal in't vervolg M „ 73 „ Ed 7oog Van Masquesta den 15 Nofebr 1757 U hoog Edelheedens dierboere protectie te hebben aanbe„ voolen met de uijtterste hoog agting zullen toonen te zijn /:onderstond: Hoog Edele groot Agtb: en wijdge„ biedende Heere En Wel Edele Heeren /:lager:/ UWhoog Edelhee„ „dens aller ootmoedigiste gehoor„ saamste en getrouwste dienaeren s W: Brahé en /:getek:t/ o Mahuij /: in margine:/ In't schip Het Pasgeld zijlende uijt de baaij van Poeloe dezen 1. febr: 1758 Register E