VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3157

Surat · 479 pages · 190 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3157_0366 view scan ↗

English

From Ternate, 31 July 1765. From Ternate, 31 July 1765: or six stuivers each, making for 16 heads in 163 days 366 rixdollars. The king also having made a request by his letter of 17 February to be allowed to obtain the remaining half of the gratuity allocated to him for that work, that amount of 350 rixdollars was sent to him with his writer after deduction of the cost of some goods already enjoyed thereon, and at the same time he was notified by letter of 12 June that it had been wished that the extirpation had continued a little longer so that the island of Maga could have been completely cleared, which, however, was accepted because His Highness had declared himself always ready to resume the work, expecting that it would then be allowed to last until the remainder of the aforesaid island, along with the entire land of Batchian and Labuha, will be completed, which we intend to begin again as soon as possible and on that occasion also to have a certain mountain on the river Indomut on the land of Batchian in the Strait of Patientie thoroughly searched, where, according to the statement of Prince Punia who is here, there is said to be a rich, hidden clove grove accidentally discovered by his father's people, but which is very difficult to access, just as we shall also begin on the remainder of Niagoa as soon as we are somewhat more amply provided with people, which, owing to the weakness of our garrison, has not yet been able to take place. From the large number of clove trees extirpated on the Gamsoengi mountains, it appears not impossible that some spice smuggling may occur on that side, but since not the least sign thereof has yet appeared to me from the districts belonging to the King of Ternate, nor have I thus far ever heard or received any news that an English ship has been to the north of Halmahera, by which properly Gilolo, but not an island, is understood, I strongly doubt the allegation of the captain of the ship Neptune, the more so because underhand dealings would by no means be served if they were to state truthfully where they obtained the spices. From Ternate, 31 July 1765. From Ternate, 31 July 1765. would be that they reported accurately where they obtained the spices. However, that they nevertheless obtain some spices in one way or another in this so-called six-foot manner is all too true, but since Macassar vessels are able to transport those from Ceram to Manila and elsewhere, they can also convey them to the English. Yet, however that matter may stand, we shall not fail to conduct a thorough investigation into it, as well as to institute the necessary supervision against it and to employ everything possible to thwart those harmful undertakings. Having received a report from the Resident of Sula Besi that the burgher Elias van Roon at Pangari had discovered certain nutmeg and clove trees along the beach, sending a little genuine clove bark and two unripe nutmegs, which we, however, found in the session of 9 April to be without smell or taste; I therefore discussed this with the Ternate regents, who promised that they would confer about that report with their envoys, whom they expect back shortly after dispatch, along with some Banggai chiefs, and then deliberate with me on the necessary measures for an exact inspection and eradication of all spices occurring on that land, which was searched for the last time in the year 1736, when, however, no spice trees were discovered there. Having nothing else to report concerning the King of Ternate in this matter other than that we have delivered to him the two thousand rixdollars granted by Your Excellencies to the village chiefs of Halmahera whenever an extirpation is carried out there, I proceed to what there is to say regarding the King and the court of Tidore, whither, according to the resolution of 12 October last, Senior Merchant Vackenaar and Fiscal Van Lingen departed on the 14th following as special commissioners in order to inform the king of how we had observed with great astonishment from a letter of the administrators of Amboina that the Ceram people of the negorijs Quellemori, Ceramlaut, Pulau Gisser, Keffing, Kuwai, Killehoe, and Kilbia, the dispatched from Banda regarding after this

Dutch transcription

Van Ternaten Den 31:' Iulij 1765. Van Ternaten den 31:' Iulij 1765: of ses stuijvers ieder makende voor 16: koppen in 163. dagen rijxdaalders 366:— De koning ook bij zijnen brief van den 1178: 47b versoek gedaen hebbende om de overige heeft der aan hem voor dat werkt toegelegde gunst penningen te mo„ „gen erlangen is hem dat bedragen tot 350. rijxd:s met zijnen schrijver toegeschikt na aftrek van het kostende eeniger bereets daer op genotene goederen en teffens bij brief van den 12: Junij aangeschreven men wel gewenscht had de Extirpatie een weinig langer aangehouden was op dat het eilant Ma„ „ga geheel gezuivert had konnen worden dog 't welk men zig egter getrooste om dat zijn hoogheit betuigt had althoos bereid te zijn het werk wederom aantevatten in verwagting zulx als dan ook zo lange te zullen laten duren tot het resterende van voormelt Eilant met het gehele„ lant van Batchian en Laboea afgedaen zal wezen waar aan wij van zins zijn zo dra mogelijk we„ „derom te beginnen en bij die gelegentheit dan ook naukeurig te laten door zoeken zekeren berg aan de rivier Indoemoet op 't lant van Batchian in straat Patientie alwaar volgens opgave van den hier zijnde Prins Poenia en rijk verholen nagul plaats zou wezen die gevallig door 'is kalems volk ontdekt dog zeer ongemakkelijk is om bij te komen, gelijk wij ook zo dra wat ruimer van volk voorzien zullen zijn aan het resterende van Niagoa zullen beginnen 't geen door zmakste van ons guarnizoen nog niet heeft kunnen geschieden Aan het groot getal nagul bomen dat aan het ge„ „bergte gamsoen gi g'extirpeert is blijkt dat het niet onmogelijk is aandien kant enige specerij sluikerijen kun„ „nen geschieden, maar dewijl mij geen deminste schijn daar van tot nog toe uit de districten gehorende ander ter„ „naets koning is voorgekomen nog te tot dus verre oit gehoort of enige tijding vernomen heb, dat aan 't noorden van Halma beira waar mede eigentlijk gilolo dog geen eilant verstaan wort een Engels schip aangeweest is zo twijfele ik sterk aan het voorge„ „rende van „ bapitain van het schip de Neptune te meer het kunne onderkruipsingen geen zins vorderlijk de zou Van Ternaten den 31:' Iulij 1765 Van Ternaten den 31:' Julij 1765 zau wezen dat zij regt opgaven waar ze de specerijen bequamen Dog dat zij egter op de ene off andere ruijze in deze zo genaemde sitsvoete enige specerijen magtig worden is maar altewaar maar kunnende makkassaarse vaartuigen die van Cerams naar de manilhas en elders vervoeren kunnen ze die ook aan de Engelsen wel toe brengen dan het zij hoe 't daarmede ook gelegen wezen mag, wij zullen niet nalaten naukeurig onderzoek daar naar te doen, mitsgaders daar tegen de nodige toezigt in 't werk te stellen en alles maet mogelijk is aante„ wenden tot vrijdeling van die schadelijke ondernemingen van den resident van Xulla bessijok berigt antfan„ „gen hebbende dat den burger Elias van Roon te Pangarij aan de strant ontdekt had zommige noten en nagul„ „bomen. onder toezending van een weinig egte nagul„ „bast en twe orrijpe noten, dog welke wij ter sessie van den 9' april bevonden zonder reuk of smaak te zijn; zo heb„ „be ik de Ternaetse regenten daar over onderhouden die beloofd hebben dat zij hunne afgezanten dewelke ze kort na bezenden te rug verwagtten met enige bangaaijse hoofden over dat gerelateerde te zullen onderhouden en als dan met mij de nodige maat regulen te beramen tot ene exacte visi„ „tatie en uit roejang van alle specerijen op dat laat vallende het welke in den Iare 1736 de laastemaal doorzogt is dog wanneer gene specerij bomen aldaar ontoekt zijn. Den koning van Ternaten in dezen niets anders te melden hebbende dan dat wij aan heem afgegeven hebben de twe duizent rijxd:s door u Hoog Edelens aan de dorphoofden van Halma„ „heira toegelegt telkens wanneer aldaar een Extirpertie gedaan wort; ga ik over tot het gene te zeggen valt omtrent den koning en het hof van Tidor weriwaards volgens 't geresolveerde op den 12:' octobere pass:o den 14: daar aan als expresse gekommitteer„ „dens vertrokken zijn den opperkoopman vackenaar met den fiscaal van Lingen ten einde den koning kennisse te geven hoe wij met veel verwondering uit een brief van ademinis„ „ters van Amboina ontwaart hadden dat de Ceram„ „mers der negorijen quellemorijen ceramlaut P=lo gisser keffing koewaij killehoe en kilbia de van Banda noppens na dezen gedepecheerde

NL-HaNA_1.04.02_3157_0368 view scan ↗

English

From Ternate, the 31st of July 1765. D From Ternate, the 31st of July anno 1765 dispatched cruising pantchiallang De Garnaal, under the pretext of friendship at the place Gisser, boarded it, massacred the servants navigating upon it, and furthermore, setting all respect for the Company aside, not far from Ceram Laut likewise inflicted very great damage upon one division of the Amboinese cruisers and committed the first hostilities; as well as how our cruisers at the negorij Loemoe and the island Maba found the Patanese and Mabaese in arms against them, without the slightest reason having been given thereto from their side; moreover also to hold before him what was declared by Petronella Molle, who fled from Maba; furthermore to protest in an emphatic manner against all those violent actions. Yet to all of which the king, according to old custom, again replied with many fine promises and high protestations of innocence, as will already have appeared to Your High Nobilities from our resolution of the 18th of December, into which the report of our aforementioned commissioners is incorporated; pursuant to which promise he would then prepare the necessary korre-korres to undertake a general cruise and hunt the pirates in their nests, as well as to have the ringleaders of Maba and Pattani brought away, the more so because they treated his own blood relations as enemies and murdered them; but of all those promises nothing has yet been fulfilled to this day, but on the contrary, some korre-korres that were made ready for that purpose for the sake of appearance, as soon as we had supplied two hundred pounds of gunpowder for that expedition at His Highness's long insistence, returned to their negorijen; referring ourselves further for the sake of brevity with much respect to our repeatedly mentioned precursor of the 15th of May. While to Your High Nobilities will likely also have appeared what was recorded at the session of the 9th of April regarding a certain shackle bolt with eight shackles that in anno passato was given on loan to the king during his presence here and went quasi missing, but from which the secretary Abdul Raus, according to the sergeant's assertion, had pedaks forged in order to sell them to the Wedaese on account of recognition; which sergeant on the 31st of March still verbally reported to me that the Gebeese and Pattanese korre-korres over From Ternate, the 31st of July 1765. From Ternate, the 31st of July 1765. were not even addressed concerning their piracies; so that they even brought two chests with all kinds of plundered European goods, such as clothes, buckles, etcetera, to Tidore and sold them publicly, without anyone preventing them from doing so or demanding any explanation of how these had come into their hands. I will not cite everything in this that I could report of the doings of that court, but only note the most substantial matters and to that effect: that however clandestinely one had proceeded in making our preparations, the king nonetheless, through his spies present here, likely from the side of Ternate, had caught wind of it; wherefore he also sent word to us through his emissaries that he had not only received thorough information of all the preparations that were being made here, but was also not unaware that the Prince First Regent of Ternate was to supply four thousand Alfoors and we, besides that, intended to take fifty burghers into service, over which he wondered greatly, declaring he could not comprehend what this served for unless I intended to overpower Tidore. Furthermore, that the repairing of the castle was only accelerated thereby because the same had to happen anyway on account of my having requested my relief from here, on which occasion it is always practicable and with the [illegible], but from which latter he had, however, quickly diverted. Yet to which one and all we applied as an answer to those emissaries that the request to the Prince Regent of Ternate for people was a false rumor, but that one had indeed heard he had summoned some people to make his forthcoming presumptive presentation illustrious. As also that one had not sought out and taken into service 50 men, but only 5 to 6 burghers to send to Manado; but that with regard to the further armaments, the same had occurred upon the rumor spread at Tidore by some Ceram people that four ships and a two-masted bark were lying off Pattani, to which the more credence was given because one had already been assured a month ago by His Highness that a ship and a two-masted bark lay at anchor under Casca, which however had not appeared. yet order

Dutch transcription

Van Ternaten den 31:' Iulij 1765. — D Van Ternaten den 41:' Julij A„o 17385 gedepecheerde kruis pantjallang de garnaal onderschijn van vriendschap te p=le gisser afgelopen de daar op na„ „rende dienaren gemassacreert en voorts alle ontzag voor de Comp: aan een zijde stellende niet verre van Ceram„ „laut de ene divisie der amboinase kruissers insgelijx zeer veel schade toegebragt en de eerste vijandelijk heden gepleegt hadden: mitsgaders ook hoe onze kruissers op de negorij Loemoe en het eilandt maba de patani„ „rezen en mabarezen tegen hun inde wappenen gevon„ „den hadden zonder dat van kunne zijde enige de minste redenen daar toe gegeven waren; daar te boven ook voortehouden het gedeclareerde door de van maba gevlugte Petronella Molle; voorts tegen alle die geweldadige bedrijven op eene nadrukkelijke wijze te protesteren. Dog alle het welke den koning wederom naar ouder gewoonte niet vele schone beloften en hoge betuigingen van onschult b'antwoort heeft gelijk uw Hoog Edelens bereeds al zal gebleken zijn uit onze resolutie van den 18:' december waarbij het rapport van vernoemde onse gekommitteerdens in ge„ „lijft is; ingevolge van welke belofte bij dan denodige korre korres zou vervaardigen oms een algemene kruistogt te ondernemen en de rovers in hunne westen te Jagen mitsg:s de belhamels van maba en battanij te laten afhealen, te meer die zijne eigene bloedvrienden als vijanden handelden en ver„ „moordden; dog van alle die promesses is tot heden nog niets vervult, maar integendeel zijn enige korre korres die ten dien einde voor 't oog gereed gemaakt wa„ „ren zo dra wij tot die togt twee hondert ponden bus„ „kruit op zijn hoogheits lange aanhoudinge verstrekt hadden naar hunne negorijen te rug gekeert; gedragende ons verders kortheids halven met veel Eerbied aan meergemelden onzen voorloper van den 15: mei Terwijl d Hoog Edelens denkelijk ook al zal gebleken zijn het aangetekende ter sessie van den 9:' april nopens zekere boeijbout met agt beugels die in anno passato aan den koning bij zijn aanwezen alhier ter leen afgegeven en quans wijs te zoek geraakt is, dog waar van den secre„ „taris abdul Raus /: naar lind 's sergeants susteue/ pedak„ „ken heeft laten smeden om aan de we darezen op rekening van rekoguitie te verkoopen; welk en sergeant mij op den 31:' maart nog mondeling rapporteerde dat de geberesen en paltaningsen korre over Van Ternaten den 31:' Iulij 1765: — Van Ternaten den 31:' Julij 1768: over kunne roverijen niet eens aangesproken wierden; za dat die selfs twe kisten met allerlei geroofde Europeese goederen als klederen gespeslootjes &:a te tidore aangebragt badden en publicq verkogtten zonder dat iemand hen zulx beletten„ „de dan wel afverderde eenige redenen hoedanig die in hunne banden gekomen waren Ik zal in dezen niet alles aanhalen wat ik van de ge„ „doentens van dat hof zou kunnen melden, maar alleen het zakelijkste en ten dien belange noteren, dat hoe Clan„ „destin men ook te werk gegaan was in onze preparatien te maken de koning egter door zijne hier zijnde sponnen denkelijk van de kant van Ternaten de Lugt daar van gekregen had; waarom hij ons ook door zijne afgezanten liet boodschappen hoe hij van alle de toebereidzelen die hier gemaakt wierden niet alleen grondig berigt ontfon„ „gen had, maar ook niet onkundig was dat den Prins eersten Regent van Ternaten vier duizent alvoeren zouleve„ „ren en wij buiten dien van meninge waren vijftig burgers indienst tenemen waar over zig grotelijx verwonderde onder betuiging niet te kunnen bezeffen waar toe zulx diende tenr zijik van mening was Tidore te overmeesteren Voorts dat het repareeren van 't kasteel daar door maar enkelijk verhaast was wijl het zelve tog had moeten ge„ „schieden om de wille ik mijn verlossinge van hier verzogt had bij welke gelegen beit altoos practicabel en met de dog van welk laaste egter schielijk gediverteert was vn dog opt welk Een en ander wij die zendelingen tot antwoord toe „gepast hebben dat het verzoeken aan den Prins Regent van Ternaten om volk een vals uitstroozel was, maar dat men egter wel geboort had hij enig volk ontboden had om zijne aanstaande praesumptive voorstelling zuister-rijk te maken Gelijk ook dat men geen 50: man, maar eenlijk 5: â 6: burgers opgezogt en in dienst genomen had om naar manado tezenden dog dat wat detrof: de verdere toerustingen dezelve geschied waren op het door enige Cerammers te Tidori verspreide gerugt dat'er vier scheppen en een twee maste bark voor Pat„ „tanij zouden liggen waar aan men te meer geloof geslagen had om reden men al voor een maend geleden door zijn hoog„ „heit verzekert was dat er een schip en een twee maste bark onder Casca ten anker lagen dog welke niet op gedaagd we„ dog ordre

NL-HaNA_1.04.02_3157_0370 view scan ↗

English

19: From Ternate, the 31st of July 1765:— From Ternate, the 31st of July 1765:— order was in accordance with turning over the fortifications in a good condition to which those envoys gave as a reply in return that His Highness himself was displeased with the bringers of that news from the ship, and would degrade a kimalaha along with another grandee of the realm to sailors for reporting it, and that one should not doubt the king's loyalty, but that he was always prepared to assist the Company with his help according to his obligation; which declarations of loyalty and goodwill, however, we regarded in our session of the 23rd of May as frivolous, since at the very same time we received news from Manado that two Maba kora-koras had been raiding on that side, wounded some people, and seized others on board. It is true that in the meantime, contrary to the expectation of that court, having been summoned on this matter and news having been obtained regarding the preparations at Manado, the king, ostensibly to demonstrate his loyalty immediately, had the aforementioned two kora-koras intercepted as they were passing Tidore, and had three of the chiefs on board punished with death for the first time during his reign, as well as causing the abducted people to be restored to us. But what can that avail compared to the news that we at the same time received from the king of Ternate, that eight kora-koras along with twenty lesser vessels had been at the village of Loloda to the north of Halmahera, having the intention to go to Manado in order to carry out a considerably larger plunder, under the pretext of having nothing against the Ternatans, but solely against the Company. However the matter may stand with that, it is power alone that must keep that troublesome court in check, for that evil seeds are sown by the same is no longer doubted, nor that it is directly the fundamental cause of all the robberies and acts of violence being committed. Therefore, it is also high time, once Your Excellencies have their hands somewhat free through a good relief of men, to send a strong force here in order to directly attack the Maba, Weda, and Patani people, and to demand compensation from the king for everything that has been plundered. Meanwhile, however, we have again handed over one year of recognition money to that prince at his request, and likewise to the Maba, Weda, and Patani people their annual recognition money, because upon my remonstrance that they did not deserve that favor, they excused themselves by claiming to have no part in all the acts of violence being committed. His Highness thus remains once again almost one and a half years in advance in deficit, as he has mostly stood more or less throughout my administration, and thus his representation to Your Excellencies that his recognition money is not provided to him until the end of the year is untrue. But regarding Your Excellencies' order that one must provide him half of the extirpation money in advance when he makes preparations for it, I must note that the king does not enjoy or receive any extirpation money, outside of the 150 rixdollars for the Prince of Eibang, nevertheless thanking Your Excellencies for your authorization to add such rewards during any extraordinary extirpations as we in good conscience shall deem serviceable. While we shall not fail constantly to exhort the prince to curb the robberies and to keep before his eyes the evil conduct of his thievish subjects, we find with regret that this avails little and on the contrary only embitters the ill-disposed more and more. Regarding the complaints that the king has made about Sergeant Nauman, it is true that he made known to me that a Tidorese had been shot dead by him, but it is at the same time also true that when, in a letter to the sergeant of the 10th of September 1763, I requested the king to send witnesses here since Nauman denied the fact, he had me requested instead of that that I would not prosecute him over it, as he regarded it as an accident and had only let me know of it in order to reprimand him

Dutch transcription

19: Van Ternaten den 31:' Julij 1765: — Van Ternaten den 37:' Iulij 1765:— ordre over een komstig was om de fortificatien in een goeden staat over te geven daar die afgezanten op tot weder antwoort gaven zijn hoog heit zelfte onvreden was op de brengers van die tyding van 't schip en een quimelaba met nog een anderen rijxgroot over te verdigten van dien tot mattrosen zou de graderen en dat men aan 's konings getrouheit niet moest tuijfelen maar hij altijt bereid was d' Comp: met zijne hulpe te adsisteren volgens verpligting dog welke betuigen van getrou-en welmenenheit wij egter ter onser sessie van den 23:' meij voor vrivool aangemerkt hebben vermits ter zelver tijt van manado tijding kregen dat er twe mabase korre korren aan dien kant ter roof geweest waren enige menschen gequest en andere op„ schip geligt hadden wel is waar dat het intusschen tegen verwagting van dat hof hier op gedaagt en tijding erlangt wezende van de toerustinge temanado de koning om quanswijs zijn getrouheit dadelijk te doen blijken voormelde twe korre korres in 't voor bij passeren „ oppakken van Tidor heeft laten, en drie van de daar op zijnde hoofden voor de eerstmaal gedurende zijn regering met de dood laten straffen, mitsgaders de geroofde menschen aan ons laten restitueren, maar wat kan dat baten in vergelijk vande tijding die wij teffens kregen van den koning van Ternaten dat'er agt korre korren met nog twintig mindere vaartuigen aan 't noorden van Halmabeira op de negorij Loloda aangeweest waren dewil hebbende naar manado om enen vrij groteren roof op te doen onder voorgeven niets te hebben tegen de Ter„ „nataenen maar eenlijk tegen de Comp. dan het zij hoedanig het daar mede ook gelegen wezen mog 't is de magt alleen die dat zorgelijke hof in toom moet houden want dat door het zelve quade dissemen gesmelt worden daar aan twijfelt men zo wel niet meer als dat het direct de grond oorzake is van alle de ge„ „pleegt wordende roverijen en geweldadigheden daar om is het dan mede hoog tijt wanneer u Hoog Edelens de handen eens wat ruim gekregen hebben door een goed ontzet van volk een goede magt herwaards te zenden om direct de Maba-weda en Pattanirezen op 't lijf te vallen en van den koning vergoeding te lisschen van alle het geroofde. Intusschen hebben wij egter wederom dood aan Van Ternaten den 31:' Iulij 1765 Van Ternaten den 31:' Iulij 1765 aan dien vorst een Iaar rekognitie spenningen op zijn verzoek afgegeven zo mede aan de maba-weda en Pattaniresen hunne Iaarlijxe rekognitie pen„ „ningen om dat zij zig op mijne voorhoudinge van die gunst niet te verdienen verontschuldagden met aan alle de gepleegt wordende geweldadighe den geen deel te hebben blijvende zijn hoogheit dus wederom bij na andere half Jaar voor uit te quaad ge„ „lijk hij gedurende mijn bestier meest altoos min en meer gestaan heeft en alzo is zijn voor„ „dragt aan u hoog Edelens dat hem zijne rekogni„ „tie penningen niet eerder verstrekt werden dan bij het uit einde van 't jaar onwaar dog wat belangt u hoog Edelens ordre om hem de helft der Extirpatie gelden voor uit te moeten verstrek„ „ken wanneer hij preparatie doar toe maakt moett ik noteren dat den koning geen extirpatie gelden geniet of toegelegt zijn vuiten de rijx d:s 150 voor P=ls Ei„ „bang bedankende u hoog Edelens egter voor hunne qualificatie om bij enige extra ordinairs extirpa„ „tien zodanige beloningen te mogen voegen als maar gemoede zullen dienstig oordelen Terwijl het aan ons niet mancqueren zal den vorst steets aantemanen tot beteugeling der rove„ „rijen en het quaad gedrag zijner die fagtige onderda„ „nen voor hogen te houden dan wij onder vin„ „den net leetwezen dat zulx weinig baat en daar en tegen de quaad gezinden maar meer en meer verbiteert. Belangende de klagten die den koning over den sergeant Nauman gedaan heeft, is waar dat hij mij te kennen heeft laten geven een Tidories door hem dood geschoten te zijn maar het is teffens ook waar dat toen ik den koning bij schrijvens aan den sergeant van den 10 september 1763 verzogt om getuigen herwaards te zenden vermits hij Nauman het fart ontkende bij mij in stede van dien tiet verzoeken, dat ik hen daar over niet vervolgen wilde dat hij het als een ongeluk aanmerkende mij zulx eenlijk had laten weten om hem te naar rekommandeeren

NL-HaNA_1.04.02_3157_0372 view scan ↗

English

23: From Ternate the 31st July 1765 From Ternate the 31st July 1765 to recommend to be somewhat more cautious henceforth, but of the abducted maiden Mara, so called by him, Nauman, I knew nothing until long after she had already converted to the Christian religion, without any complaints having been made to me in this regard; nonetheless, I duly handed that woman over to the appointed Tidorese state councilors, and surrendered him, Nauman, to Justice, the outcome of which is made known in the general letter currently departing. On the other hand, I have caused a request to be made to the King for the surrender of the Englishman remaining at Salwatty, with the four sailors abducted to Ceram, though I well understand that he will not easily proceed to do so, even though he has promised it. Regarding the Courts of Ternate and Tidore together, there has been inserted by resolution of the 8th February a certain report from a native of Amblau, who in the past year was abducted by Papuans and Wedarese and, after much wandering, brought to Tidore, and who, managing to save himself from there by flight and to cross over to the Ternatans on the 9th January, was previously handed over to the Company by the Prince Regent. As also another deposition of two persons abducted from the districts of Amboina and returned on the 29th December last by the aforementioned Prince Regent, containing that they had been abducted by the Papuans of Haroeko, from whose hands they had managed to escape in a small prahu with which, approaching the island of Papa, they had encountered a Tidorese vessel, onto which they transferred by order of the nakhoda Banga, subsequently coming ashore on the island of Gane, where they fled once again and were sent to the Prince Regent by the sangaji of Gane. However, since that Regent, upon the surrender of those people, also informed me how the said nakhoda Banga had appeared once again at Gane, From Ternate the 31st July 1765 From Ternate the 31st July 1765:— 25: under the pretext of having already brought the two other escaped people to Tidore and demanding these two as well, or else he would destroy everything he possibly could; and that the people of Gane, in order to prevent violence and unrest, had thereupon handed over sixty rixdollars to him, Banga, for those people, which the Prince requested back from the Company; I therefore wrote to Tidore's sergeant that he should request the King for the two people whom the oft-mentioned Banga had brought there, as well as for the restitution of those sixty rixdollars. Whereupon followed the quiet arrival here on the sixth of January of Tidore's King, principally aimed at excusing himself for the detention of those two people, under the promise, however, to send them here at once; furthermore, also indicating that he knew nothing of any disbursed money, and that the reclaiming thereof went to his heart, since he himself having dispatched that nakhoda, he deduced from this that it was presumed he had given orders to sell the Company's subjects, wherefore he requested me to be pleased to investigate whether the people of Gane had not merely fabricated this, but if found true, that he would then punish his nakhoda according to his deserts; which I promised him, while also giving the assurance that if I found the contrary, the accuser, or rather the Ternatan ensign, would likewise not escape his punishment, as appears in more detail from the recorded verbal conversation inserted into the resolution of the 8th February of the current year. In fulfillment of the aforementioned promise, the King also sent one of the two aforementioned people here, with the notification that the female person, as he presumed, had fled to Batchian; against which, however, the sergeant maintained that he was simply amusing himself with the pretense, for which reason we deemed it best not to make much fuss about it. The oft-mentioned nakhoda finally also here in

Dutch transcription

23: Van Ternaten den 31:' Iulij 1765 Van Ternaten den 31:' Iulij 1765 rekommandeeren voortaan wat voorzigtiger te wezen dog van de door hem Nauman zo genaemde vervoerde maagt Mara hebbe ik niets geweten als na dat zij al voor lange tot de christelijke religie overgegaan was zonder dat aan mij dieswegen enige klagten gedaen zijn des niet tegenstaende heb ik dat vroumensch aan de gekommitteerde Tidorese rijxgraten behoorlijk ter handen gesteld: en hem Nauman aan de Iustitie overgegeven waar van den uitslag bij den thans afgaande gemenen brief is bekent gestelt daar en tegen hebbe ik van den koning laten verzoeken de overgave van den te salwattij verkleven Engelsman met de devier naar ceram vervoer„ „de mattrosen waar toe egter wel begrijppe bij niet ligt overgaan zal schoon zulx belooft heeft De Hoven van Ternaten en Tidor te zamen betreffen„ „de is bij besluit van den 8:' februarij g'In„ „seviceert zeker relaas van enen Boere hoe van amblau die in den gepasseerden Jare door papoien en wedareEen gerooft na veel om zwervers te tidor aangebragt mitsgaders zig van daar met de vlugt wetende te salveren en bij de ternaten overtegaan den 9:' Ianuarij bevorens door den Prins Regent aan de Comp: overgegeven is. Gelijk ook een ander de Claratoir van twe uit de distrikten van amboina geroofde en den 29:' december passato door den Prins Regent voormelt weder overgeleverde menschen Inhouden„ „de dat door de papoien van Haroeko gerooft waren wiens handen zij hadden weten te ontkomen met een kleine prau waarmede het Eilant Papa nade„ „rende en Tidores vaartuig ontmoet hadden op 't welke ter ordre vanden annachoda Banga overgegaan vervolgens op 't Eilant Gane aan dewal komende aldaar andermaal gevlugt mits„ „gaders door den senghadje van Gane aan den Prins Regent overgezonden waren dan dewijl dien Regent bij de overgave dier menschen mij teffens liet weten hoe genoemde anachoda Bongo aandermaalte gane Voor gekomen Van Ternaten den 31:' Julij 1765 Van Ternaten den 31: Iulij 1765:— 25: „ was onder voorwendsel de twee andere gekomen „ gevlugte menschen reets te Tidor aan„ „gebragt te hebben en deze twe ook te begeezen of dat anders alles verdelgen zoude wat hem maar mogelijk was en de dat de ganirezen daar op ter voorkominge van Hacquettes en onlusten aan hem Bongo sestig rijxd:s voor die men„ „schen afgegeven had-den, die den Prins van de Comp: te rug verzogt zo heb ik Tidors sergeant daar op aangeschreven, dat hij den koning verzoeken moest om de twe menschen de meerm: Bongoal„ „daar aangebragt had mitsgaders ook om resti „tutie van die sestig rijxdaalders waar op gevolgt is de stille aankomst alhier op den sesden Ianuarij van Tidors koning prin„ „cipaal gerigt om zig over de aanhouding van die twe menschen te ontschuldigen onder belofte egter die ten eersten dit heen te zullen zenden voorts ook te kennen gevende van geen uit geschoten geld te weten en de afvordering daar van heen ter herte ging vermits Hij self dien annachoda afgezonden hebbende daar in 't opmaakte men voor onderstelde hij ordre gegeven had Comp:s onderdanen te verkoppen, waarom mij verzogt dat ik geliefde te onder„ „zoeken of de ganiresen zulx niet maar verdigt hadden, dog waar bevindende, als dan zijnen anna„ „choda naar verdienste te willen straffen, 't geen ik hem beloofde onder verzekering teffens indien ik het tegendeel ondervond den aanklager of eigentlijk den ternaets vaendrig zijne straffe mede niet zou ontgaan na der blijkende bij het ten papiere gebragte mondgesprekt g'insereert ter resolutie van den 8:' februarij anno Courant In naarkoming van voormelde belofte heeft den koning ook ene der twe voormelde menschen dit Een gezonden onder bekent making het vrous„ „persoon /:zo hij praesumeerde :/ naar batchian gevlugt was; waar en tegen den sergeant egter sustineerde hij daar mede zijn vermaak nam aan de overval, warom wij goedvonden niet veel water daar om vuil te maken meermelde annachoda eindelijk mede dit int heen

NL-HaNA_1.04.02_3157_0374 view scan ↗

English

From Ternate, the 31st of July 1765 From Ternate, the 31st of July 1765. sending him, I confronted him with his accuser and found that the accusation was in all probability correct, but because he, the nakhoda, however clearly the place, time, and specie were pointed out to him, nevertheless continued to deny everything with great impudence, I was indeed forced to let him go again, although I did not neglect to inform the king of my opinion in that regard. Regarding Batchian, the sergeant Jacob Andries Rogzen reported in his letter of the 23rd of September that the king kept himself quiet, but nevertheless maintained a secret correspondence with the Papuans, whom he had also invited to Batchian two different times, but whose answer he could not discover because none of the Batchian subjects were allowed to enter the settlement of Labuha, just as he also communicated in a letter of the 22nd of December that the king was again heavily engaged in building at the settlement of Lamma and possibly had no intention ever to return to his previous settlement, since he daily had lime taken from his domain, as well as the doors removed from the brick houses and transported to his settlement; likewise that the young Gugugu, the most evil subject he has, had on the day before the writing of that letter torn down the remaining houses of the Batchianese and had forced some Perullanese, who were still staying at the Labuha Mountain, to depart for the settlement of Lamma under the pretext that they had to make a temple and the king's palanquin there. The sergeant's letter of the 23rd of December further contained that the king, three days prior, had sent an ensign named Galle to the Alforese living at the Labuha Mountain to persuade them with grand promises to murder the Princes Nurdin, Wowanig, and Hassan, as well as forbidding them to assist the Company, or else it would go ill for them, which request was repeated once more by the young Gugugu on the 27th following, but to which those mountain peoples had not consented, but on From Ternate, the 31st of July 1765 From Ternate, the 31st of July 1765 the contrary, they made this known to him, the sergeant, and had also warned the aforementioned Princes to watch out for the snares being laid for them, whereupon we informed him by letter of the 15th of January to keep as close a watch as possible on the king, as well as to keep the family of Prince Kalim under his protection, without tolerating that any harm be done to any of them. The sergeant furthermore communicated in his letter of the 31st of March that the king was still building houses and gardens just as vigorously in the settlement of Lamma, and was very resentful about the sending in the past year to Batavia of the Batchianese Claudi, whom he now called his slave, threatening in revenge for this that he would also never return any runaway slaves who might come to him, whether they belonged to me or to one of the members of the Council of Policy; and also in that of the 28th of May that in the month of March three Gorontalese, whom he claimed were runaway slaves who belonged here, had arrived at the settlement of Lamma, two of whom the king had caused to be put to death, and the third detained. Prince Kalim Ponia having made an earnest request to be allowed to return to Batchian in order to satisfy his desire to see his family, I presented this to the Council at the session of the 26th of June, where we collectively judged it best that he should remain here; but, he being absolutely unwilling to be persuaded, then at least to detain him until the return of the vessels dispatched to Rivool, while the undersigned, however, succeeded at first in taking away one of his complaints that his clothes were worn out, by offering him the following present: 8 cubits of blue velvet, 2 chellas, checkered coast, 2 guinees, fine bleached, and 2 baftees, fine Bengal, costing at purchase price f 131:- and at selling price f 207:11:-. From Ternate, the 31st of July 1765 31 From Ternate, the 31st of July 1765 This Kalim having on that occasion also assured me that the king is already beginning to reproach the young Gugugu and other ill-disposed persons that it is their fault that he moved from Batchian, and thus daily suffers a shortage of provisions, from which one again derives some hope that he will soon grow weary of it there and change his mind. Furthermore, on my part, should His Highness bring forward grounded complaints about any harassment done to him, I shall not fail to proceed against the perpetrators thereof with the utmost rigor; but how falsely fabricated they are against Captain van Ossenberg will be apparent to Your Excellencies from our general letter, in which it is also noted that the letters with the gifts were properly sent to him, while I will also, should he at times fall into bad thoughts, give him timely assurance of our goodwill; and likewise, upon the return of the ordered expedition, confer with the Council in a prudent manner as to what I shall have to do with respect to that prince pursuant to Your Excellencies' orders of the 31st of December 1763, regarding which I can as yet report nothing certain for now, although I must note here that the garrison will not yet be as strong then as is determined in the memorandum of peacetime establishment, and thus not sufficient enough to undertake much. The cruising vessels returned on the third of October of the past year, namely the four pantjalangs sent around Halmahera in the month of June previously, the report delivered in that regard being inserted in the resolution of the 12th of the first-mentioned March, together with an account of a certain Petronella Kolle.

Dutch transcription

Van Ternaten den 31:' Iulij 1765:— Van Ternaten den 31:' Iulij 1765. hem zendende hebbe: ik die tegen zijnen beschuldiger geconfronteert en bevonden dat de beschuldiging naar alle waarschijnlijkheid regt was, maar dewijl hij annachoda hoe duidelijk hem de plaats tijt ende specie aangetoont wiert, egter met grote onbe„ „schaamtheijt alles bleef ontkennen, ben ik wel genoodzaakt geweest hem weder te laten gaan schoon„ niet nagelaten heb den koning van mijn gevoelen daar omtrent te verstendingen Batchian heeft den bergeant Iacob andries Rogzen bij zijnen brief van den 23:' September beveelt den koning zig wel stil dog Egter een geheine Correspontentie met de papoeen onderhielt die hij ook al twe ver„ „scheide malen naar Batchian had laten nodigen maar wier aantwoort hij niet konde ontwaren vermits geene der batchianse onderdanen in de negorij Laboea komen mogten gelijk hij bij schrijvens van den 22: december ook bedeelde den koning op de negorij Lamma weder sterk aan't bouwen en mogelijk niet van meninge wasoait in zijn vorige negorij te rug te keren dewijl dagelijx kalk uit zijn doen mitsgaders de deuren uit de gemeltzelde huizen liet halen en naar zijn negorij overbren„ „gen; zo mede dat den Iongen goegoegoe het quaadste sujet dat hij heeft 's daags voor het schrij„ „ven van dien brief de resterende huizen der batchi„ „anders om verre geworpen en enige perullanezen die zig nog aan den Laboeresenberg onthielden gedwongen had naar de negorij Lamma te vertrekken ander praetext dat aldaar een tempel en 's konings dalm moesten vervaerdigen Beheldende wijders 's derge„ „ants brief van den 23:' december hoe de koning drie dagen bevorens een vaandrig galle gen:t bij de aan den laboeresenberg wonende alfoereli gezonden had. om hun onder grote beloften over te halen tot het ver„ „moorden der Prinsen Noordien wowanig en Hassan mitsgaders hun te verbieden de Comp: behulpzaam te zijn of dat het hun anders qualijk gaan, zoude welk verzoek door den Iongen goegoegoe den 27: daar aan nog eens gerenoveert dog waar in door die berg volkeren met bewiltigt was maar die vorige van Van Ternaten den 31:' Iulij 1765 Van Ternaten den 31:' Iulij 1765:— in tegendeel hem ser geant zulx bekent gemaakten ook voornoemde Prinsen gewaarschrout hadden zig voor de lagen die hen gelegt wierden in agt tenemen waer op wij hem bij brief van den 15: Ianuarij bedeelt hebben den koning zo veel mogelijk gade te slaan mitsgaders de famielje van Prins kalim onder zijne bescherming te houden zonder te gedagen dat ene van hen enig leet gedaan wort Hebbende hij sergeant voorts bij zijnen brief van den 31:' maart bedeelt de koning op de negorij Lam„ „ma nog al even sterk huizen en thuinen maakten en zeer granistorig was over het verzenden in anno pass:o naar Batavia van de batchiander claudi die hij nu zijn slaaf noemde dreigende tot wraak van dien alle wag gelopene slaven die bij hem mogten komen ook noit weder te zullen geven 't zij die van mij dan wel eene der leden van politie zijn mitsgaders bij die van den 28:' mei dat in de maand maart drie gorontaalders die hij sustineerde weg gelopene slaven te wezen die hier t' huis hoven op de negorij Lamma aangekomen waren van de welke den koning 'er twe om 't leven had laten brengen en de derde aangehouden De Prins Kalim Ponia instantig verzoek gedaan hebbende naar batchian terug temogen keeren om zijn verlangen te voldoen van zijn famielje te zien hebbe ik zulx den raad ter sessie van den 26:' Junij voorgedragen wan„ „neer wij gezamentlijk oordeelden best te zijn dat hij hier verbleeff dog absolut zig niet wil„ „lende latende beweegen hem dan ten min„ „sten aan te houden tot de terug komst van de naar Rivool gedepecheerde vaartuigen vaartuigen terwijl den ondergeteekenden in 't eerste egter geslagt is door hem ene zijner klagten dat zijne klederen versleten waren te benomen in het aanbieden van het volgende present 8:– Ellen blauw fluweel 2:– chelassen geruite cust 2:– guinees fijne gebl:t en 2:- bamans fijne bengaals kostende inkoops ƒ131:- en uitkoops ƒ 207:11:— te wezen hebbende Van Ternaten den 31:' Iulij 1765 31 Van Ternaten den 31:' Julij 1765 hebbende dien kalim mij bij die gelegenteit vervallen vroeg tijdig verzekering zal ook verzekert dat de koning den Iongen geven van onze welmenenheijt: zo mede goegoegoe en andere quaad gezinden al be„ bij de terugkomst van de bevoolde expe„ „gint te verwijten het hunne schult is dat „ditie met den raad op eene prudente wij„ hij van Batchian verhuist is en dus dage„ „ze overleggen wat mij ten opzigte van dien „lijx gebrek aan levens middelen heeft waar vorst ingevolge uw Hoog Edelens ordre uit men dan al weder enige hoope schept van den 31: december 1763 te doen zal staan dat hij 't daar wel haast moede worden en waar omtrent voor als nog niets zekers van sentiment veranderen zal melden kan schoon egter hier noteren moet Voorts zal het aan mij niet mancque„ dat als dan het guarnizoen zo sterk nog „ren indien zijn hoogheit gegronde klagten niet zal zijn als bij de memorie van me„ mogt voortbrengen over enig hem aange„ „nagie in vredens tijt bepaalt is en dus „daan molest tegen de plegers daar van niet suffisant genoeg om veel over hoop te halen ten rigoreuste te procederen dog hoe vals verdigt die zijn tegen den kapitain De Bekruissingen zijn op den derden october van ossenberg zal u hoog Edelens blijken anno pass:o gereverteert de inde maand bvorens, bij onze gemene letteren waar waar Iunij „ rondtom Halmaheira gezondene bij ook genoteert is dat hem de brieven vier Pantjallings zijnde het dientwegen over met de geschenken behoorlijk toegezon„ geleverde rapport g'insereert ter resolutie „den zijn terwijl ik hem ook indien van den 12:' der eerst gemelde Maart ne„ zomtijts in quade denkbeelden mogt „vens een relaas van zekere Petronella Van vervallen kolle

NL-HaNA_1.04.02_3157_0377 view scan ↗

English

From Ternate, the 31st of July 1765 From Ternate, the 31st of July 1765 Molle, who in the year 1762 was abducted from the Ambon districts by the Papuans, transported first to Salawati and subsequently to Maba, and who escaped from there by taking flight and made his way to de Kanneelboom, from which it appears that the Patani people, along with those of Gonleo and the other robbers living in that vicinity, intended to board that vessel, had they not been prevented therein by the sangaji of Maba, whom the robbers regard as their general chief and who was unwilling to give his consent to that villainous act. Commissioner Thomas Vogel had also, in the roads of Maba, bartered one hundred pieces of nutmegs from a native named Tobo in exchange for a knife, and asked him whether the Maba people also traded in spices, and that if much of it was to be had, he wished to purchase it all from them at a good price. Whereupon one of the nearby standing Maba people who heard this asked Tobo whether he did not know that the Company had forbidden that trade, and ordered him to reply to the commissioner's question that he had gathered those hundred nutmegs when the last extirpation took place there and had kept them for medicine. After which they all departed together for the shore, leaving the commissioner unable to discover anything further in that regard; just as upon his return he delivered no more than the aforementioned one hundred pieces, which were burned at the aforementioned session, after they had first been inspected and found to be genuine indeed, but very thin and much inferior to the Banda nutmegs. It further appears from that report that the commissioner had various other encounters, from which the evil intentions and rapacity of the Tidore subjects fully shine through. For which reason his conduct was also approved, and he, as well as the bookkeeper Eawaris, who returned from his required cruising on the south side of Halmahera without having encountered anything remarkable, were released from accounting for the linens given to them, consisting of: 6 pieces Guinea cloth, ordinary, coarse 3½ pieces ditto, wide, blue, and 3 pieces Salempuris, wide, blue since they had distributed the same to willing natives who had been of assistance to them. However necessary it would have been to resume the cruising around Halmahera to counter the smugglers wandering about, I was nevertheless prevented therein, partly due to the heavy repairs that had to be done to almost all the vessels, and mainly due to the lack of anchors, grapnels, and sails; and when one was supplied with these through the arrival of the ship and had some vessels in readiness, through the dispatch of five pantjalangs to Manado and one to Gorontalo. But as soon as those or any of them return, I will immediately let the same proceed. Meanwhile, in this regard I refer with much respect to the resolutions of the 18th of December last and the 8th of February of the current year. From Manado, the commissioners Seidelman and Van Laar reported by letter of the 29th of May that they would have already carried out Your Excellencies' order to punish the apostate Buol people along with those of Tolitoli, had the pantjalangs de Reuk and de Snuffelaar not been delayed, and that the ship would return, since they considered that without the assistance of small vessels the requested expedition could not be undertaken. Wherefore they requested two to three vessels with three months of rations for: 5 superior officers 5 petty officers, and 150 privates, together with some other necessities as requisitioned, leaving it to our discretion whether or not to employ the ship for the expedition; making it known that the proposal made by the resident in the past year to employ the ship returning to Batavia with two pantjalangs towards Buol had been primarily done to destroy the former Company stronghold there and recover the lost artillery, since the stronghold situated on the beach can be ruined immediately with one or two broadsides of heavy cannon fire, for which he considered so many men would not have been necessary, were it not to seek out the apostate Buol people in their hiding places and especially to punish the Tolitoli people, who lie inland, as they deserve. For which, above all the military personnel, he considered a competent number of gunners necessary to haul the artillery over everything. Having deliberated on this on the 8th of June, we resolved after mature consideration to inform the commissioners immediately by secret letter that, since fully two and a half months would be required both to unload the ship and otherwise before it could be at Manado again, it was therefore deemed proper to excuse that vessel from the expedition and instead deploy three pantjalangs for that purpose. Which, lying in readiness, were nevertheless unable to proceed on their journey earlier than the 19th following, because the requested goods first had to be received from the ship's cargo before they could be supplied. With these small vessels, nine sailors out of a number of twenty-seven brought to Ternate with the Enkhuizen were also sent to the commissioners to help drag the artillery, with the instruction to undertake the expedition immediately upon the arrival of those vessels without any delay, with authorization to use the Beuk and the Snuffelaar as well for that purpose if found necessary, but according to letters of the 15th of June and the 26th following.

Dutch transcription

Van Ternaten den 31:' Iulij 1765:— 33 Van Ternaten den 31 Iulij 1765: — Molle die in den Iaare 1762 door de pa„ „poëën uit amboinase distrikten gerooft eerst naar salwattij en vervolgens naar maba vervoert is mitsgaders zig van daar met de vlugt gesalveert en naar „waar by blijkt de kanneelboom begeven heeft„ de Patta„ „niresen met die van gonleo nevens de verdere daar om streeks wonende rovers van meening zijn geweest dat vaartuig afteloppen; zo daar in niet belet waren door het senghadje van Maba diende rovers voor hun generaal opperhoofd: houden en die zijne toestemming niet had willen geven tot dat schelmstuk Ook had den kommissiant Thomas vogel ter rhede maba van een Inlander Tobe gen:t Een hondert stuks noten muscha„ „ten tegen een mes getroucqueert en denzelven afgevragt of de mabarezen in de spece„ „rijen ook negotie dreven dat hij indien 'er veel van te bekomen was hen die alle tegen een goede prijs wilde afkopen dog waar op ene der na bij staende mabarezen die zulx hoorde hem Tobo afvroeg of hij niet wist de Comp: dien handel verboden had. ! En ordon„ „neerde op 's kommissiants vrage te antwoor„ „den hij die hondert noten toen de laaste Extire„ „patie aldaar gedaan is bij een vergadert en tot medicijn bewaart had waarna zij alle tegelijk naar de wal vertrek„ „kende de kommissianten verstoken bleef iets nader dientwegen te andekken gelijk hij bij retour ook niet meer over „gelevert heeft dan de voorschreve hondert stuks die ter voormelde sessie verbrant zijn na dat alvorens bezig„ „tigt en wel egt dog zeer mager en veel slegter dan de bandase rompen bevonden waren Consterende wijders nog bij dat rapport de kommissiant verscheide andere ont„ „moetingen gehad heeft waar uit de quade - intentie en roofzugt der Tidorese onderdanen tegen ten ƒ Van Ternaten den 31:' Iulij 1765 Ternaten den 31:' Julij 1765 van ten vollen door straalt. alwaar omme door het gebrek aan ankers dreggen en zijlen zijn gehouden gedrag ook g'approbeert en en toen men daar mede door de komst van 't hem zo wel als den boekhouder Eawaris schip gerieft was en enige vaartuigen in die van de aan hem gedemandeerde bekruijs„ gereedheit had door de verzending van vijf „sing aan de z:d kant van Almaheira zonder pantjallings naar Manado en eene gorontalo iets remarcquabels ontmoet te hebben dog zo dra die of enige van den terug komen gereverteert was ontheft hebben vande zal ik dezelve aanstonts laten voortgang nemen verantwoording der aan hen mede gegevene middelerwijl mij dezen aangaande met veel lijwaden bestaande in Eerbied refereere aan de besluiten van den 18:' 6:– ps guinees gem: geb:t december pass:o en 8: februarij Ed:o C:t 3½ „ d:o br: bl: en 3:- „ Salempoeris br: bl: vermits het een en ander aan goetwillige Manado hebben de Commissianten seidelman inlanders die hen behulpzaam geweest en van Laar bij brieve van den 29:' mei bedeelt zijn uitgereikt hadden dat reets aan uw Hoog Edelens ordre om de Hoe nodig het iu geweest was om afgevallene bivolorezen met die van Tontolij tot tegengang der al aan zwervende smok„ te straffen voldaen zouden hebben indien de pan„ „kelaars de bekruissing rontom Almaheira „tjallings de Reuk en de suufselaar niet te kervatten zo ben ik egter daar inne weder„ agterwege gebleven waren en dat het schip her„ „zouden zo uit hoofde van de zware reparatien „woorts zouden vermits Considereerden zonder die aan meest alle de vaartuigen gedaan adsistentie van kleine vaartuigen de aan moesten worden als wel voornamentlijk Een gedemandeerde Expeditie niet kon ondernomen door worden van 37 Van Ternaten den 31:' Iulij 1765: — Van Ternaten den 31:' Iulij 1765 worden; weshalven verzogten om twee â drie vaar„ „lerij te sleepen over alle het wij op den 8:' Iunij besoigne„ „tuigen met drie maanden randzoenen voor „rende na rijpe overweginge besloten de kommissian„ 5:– opper officiers „ten bij secrete brief aanstonts kennisse te geven dat „5: — onder dito en aangezien zo tot het ontlossen van 't schip als an„ 150: - gemenen, benevens enige andere benodigheden volgens Eisch latende aan ons goedvinden over oms „derzins wel twee en een halve maanden nodig zouden het schip tot de Expeditie te emplojeren dan wel niet zijn eer het zelve wederom te Manado zou kunnen onder te kennen gave 's residents in anno passato wezen men overzulx goedgevonden had dien bodem gedane propositie om het naar batavia retou„ van de Expeditie te Execuseren en daar en tegen drie ^ Pantjallings daar toe aanteleggen, dewelke „neerende schip met twee pantjallings naar gereedleggende, egter niet eerder hebben kunnen reis vorde„ Bwool aan te leggen principaal geschiet was „ren dan den 19:' daaraan vermits d: g'eischte goederen om de gewezen Comp:s Benting aldaar te vermie„ eerst uit de lading van het schip ontfangen moesten „len en het verloren geschut weder magtig te worden voor dat men die voldoen kon met welke werden dewijl de Benting die aan strant legt kieltjes de Commissianten ook toegeschikt zijn negen met een â twee lagen zware kanon schoten aanstonts mattrosen van een getal van zeven en twintig met geruineert, kan worden waar toe vermeende Enkhuisen voor Ternaten aangebragt om het ge„ dan ook zo veel volk niet nodig zou zijn geweest „schut te helpen slepen; onder rekommandatie ten ware om de afgevallene Bualerezen in op de aankomst dier vaertuigen zonder enig delaij hunne schuilhoeken op te zoeken en wel voorna„ aanstonts de togt te ondernemen met qualifica„ „mentlijk om de Fontolieers die lant lantwaart „tie de Beuk en de Snuffelaar des noodsakelijk inleggen naar merite te straffen waar toe bo„ vindende mede ten dien eijnde te gebruiken maar ^getal busschieters noodig oordeelde om de „ven alle de militairen nog een bequaam arthil„ volgens briefen van den 15: Iunij den 26:' daar aan „lerij van

NL-HaNA_1.04.02_3157_0380 view scan ↗

English

From Ternate, 31 July 1765 From Manado, the Moorish priest Abdul Bedjali was received; neither of the two have yet appeared there or given any sign of being heard from. Skipper Jacob Fries maintains that the Snuffelaar, which got separated from him near Dondo, may well have been lost, against which the aforementioned Moorish priest says that the signals were not properly observed by the skipper. However, it is obscure to us how to make sense of it, and we are also not yet without hope that those vessels will finally turn up. Regarding foreign nations, a loose rumor circulated this year as if four ships and a two-masted bark were lying at the point of Pattani, but I have heard of no consequence thereof, however much I have inquired both from the Ternate and Tidore side as well as via Dodinga, so that I must consider it a false rumor, since so many ships could not lie there without one becoming aware of it. Furthermore, it will not fail on my part, pursuant to Your Right Honourables' esteemed order, to closely investigate the activities of foreign Europeans and to obstruct them as much as possible. Wherewith, having commended Your Right Honourables together with the entire administration of the Company to the sole and secure protection of God, I have the honor to be and remain, with the utmost respect and veneration, Right Honourable, Valiant, Highly Esteemed, Courageous, Most Wise, Prudent, Discreet, and Most Generous Lord and Lords, Your Right Honourables' very obedient and obliged servant, Signed: J. v. Schoonderwoert In the margin: Ternate, in the Castle, 31 July 1765. Below: P.S. After the closing of this letter, I receive news that under the authority of the Sangaji of Pattani, nearly fifty kora-koras and smaller vessels have called at the negorij Gallile, and upon the inquiry of the Gugu of Gammakanorra as to what they intended, they had answered that they would supply rice to all the negorijen under the territory of Ternate. The King of Ternate, immediately having me asked what he should do in this case, I advised him to give orders to his chiefs to keep quiet until the first hostilities are committed by the fleet of robbers, but then to strike with all force and have them destroyed as much as possible. Your Right Honourables will observe further from this that one has nothing good to expect from the court of Tidore, notwithstanding that the said Sangaji affirmed to the Gugu of Gammakanorra that he had arrived there on private authority, without orders from the King of Tidore. From Amboina, 25 September 1765 With reference to mine of the 16th of the past month of August, accompanying this in duplicate, I now have the honor to present to Your Right Honourables the report or journal mentioned therein from the Military Captain Hendrik van den Brink, concerning the cruising expedition accomplished this year on the South and North Coast of Ceram, upon the reading of which I hold myself assured that Your Right Honourables will be further convinced of the necessity that the work of cruising along that coast must be pursued with strength and earnestness, and that a considerable force is required for this purpose, especially if one wishes to undertake something fruitful against the principal smuggling nests Kellibon, Zeijlor, and Tobo, whose strength is described in the aforesaid journal under the dates 21, 22, 23, and 26 April. For upon our natives, at least the greatest bulk of them, not the slightest reliance can be placed, leaving our people in the lurch when it comes down to it, whether through lack of courage or because they stand in too close an alliance and friendship with the Ceram people, as one may suspect not without reason of the islanders or inhabitants of Honimoa and Nussalaut, and that they are thereby restrained from attacking them with weapons out of fear that their suspicious trade and dealings might then at times come to light all the sooner. For that they are entirely pure and innocent of smuggling is indeed to be deduced otherwise from the accusations that arise against the Orang Kaya of Nollot, Mattheus Pieter Alij, as appears from the notes recorded in the secret resolution of 29 July last, forwarded among the general papers, and the letter annexed hereto from the Saparua chief Saint Glain written to me on 17 September regarding the cloves found hidden here and there in undergrowth and rocky holes on that island, which, although being poor and defective goods, I nevertheless take the liberty to send over with the sloop De Noteboom to Your Right Honourables for inspection, along with the so-called ell mentioned in the aforesaid letter, which presumably served or would have served to measure the linens traded for the cloves from the Ceram people. I doubt whether Your Right Honourables, taking this into consideration, will not have to be persuaded along with me that, as I had the honor to touch upon in the letter of 16 August, our Europeans alone must be the ones who will execute anything with success against the interlopers of the Company's precious spice trade, and that such cruising should not only be conducted with strength...

Dutch transcription

39 Van Ternaten den 31:' Iulij 1765 Van Ternaten den 31:' Iulij 1765 ber van manado den moors priester abdul strooisel dewijl zo vele scheepen daar niet bedja lij ontfangen waren die geen van beide aldaar zouden kunnen leggen zonder dat men nog opgedaagt of eenig teken daar van verno„ daar van iets wiestig wiert zullende „men sustinerende schipper Iacob fries dat de het wijders aan mij niet manqueeren inge„ snuffelaar die bij Dondo van hem afgeraakt „volge uw hoog Edelens g'eerde ordre da bedrijven is wel kan afgelopen wezen waar en tegen voor„ der vreemde Europeën naukeurig nategaan „melden moors Priester zegt de semnen door en zo veel mogelijk te stremmen den schipper niet naarbehoren g'observeert waarmede na u Hoog Edelens „ Comp: zijn dog het is voor ons duister om er benevens „ ganschen ommeslag in de alleen wijs uit te kunnen worden en wij zijn zekere hoede Godes bevalen te ook nog niet zonder hope dat die vaer„ met het uitterste respect hebben „tuigen eindelijk teregt zullen komen en vencratie de ere hebbe te zijn en ver„ blijve /:onderstond:/. Hoog Edele gestrenge vreemde Natien heeft dit Jaar wel een los gerugt gelopen als of er groot Agtbare Manhafte wel wijze voor„ vier scheepen en een twe maste Bark„ „zienige Discreete zeer genereuze Heer en aan de hoek van Pattanij zouden leg„ Heeren /:Lager uw hoog Edelens zeer gehoor„ „gen maar ik hebbe geen gevolg daar „zamen Dienaar en verpligten Dienaar van vernomen hoe zeer ik daar naar /:was getekend:/ I: v: Schoonderwoert ook heb laten vernemen zo van de Ternaetze /:in margine:/ Ternaten in't Casteel den en Tidoreze zijde als over dodingo zulx 38: Iulij 1765: /:daar onder:/ P: s: na't slui„ ik het moet houden voor een vals uit „ten dezes ontfange ik tijding dat onder strooisel 't gezag Van Ternaten den 31:' Iulij 1765:— 41 Van Amboina den 25:' September 1765 't gezag van den senghadje van Pattanij bij na vijftig korre korren en mindere vaartuigen de negorij gallile aangedaan en op de afvrage van den goegoegoe van gammaknarra wat zij van zins waren, g'antwoort hadden van alle de negorijen onder het gebied van Ternaten rijst te begeven de koning van Ternaten mij hier op aanstonds laten„ „de afvragen wat hij in dit geval doen zoude heb ik hem aangeraden om ordre tegeven aan zijne opperhoofden zig stil te houden tot zo lange door de vloot rovers de eerste vijandlijk„ „heden gepleegt worden maar dan ook met alle kragt toete tasten en hun zo veel mogelijk te laten vernielen us hoog Edelens zullen hier alweder nader uitzien dat men van het hof van Tidor niets gods te wagten heeft onaangezien het gemelt senghadje aan den goegoegoe van gannaknorra betuigde zonder ordre van den koning van Tidore op prive aucto„ „riteit daar gekomen te zijn Met refert aan mijne van den 16: der gepasseerde maand Augustus desen in duplicaat verzellende heb ik de eer u Hoog Edelens thans te praesenteeren het daar in vermelt relaas off dog Register van den Capitain militair Hen„ „drik van den Brink wegens de in dit jaar vol„ „bragte kruijs Expeditie aan de zuijd en Noord Cust van Ceram bij welkers lecture ik mij versekert houden Aan Als vooren Batavia Batavia dat 43: Van Amboinas den 25:' September 1755 Amboina den 25:' September 1765 Van dat uw Hoog Edelens nader zullen worden overtuijgt van de noodzakelijkheijd dat het werk der bekruijsing aan die cust met kragt en ernst moet worden voortgezet en dat daar toe een aanzienelijke magt vereijscht word in zonder„ „heijd als men op de voorna„ „me sluijknesten kellibon zeijlor en Tobo welker sterkte in het voorsz: dagverbaal sub datis 21: 22: 23: en 26: april beschreven word iets met vrugt wil onderneemen want op onse Inlanderen ten min„ „sten de grootste hoop is geen het minste staat te maken latende de onse als het 'er op aankomst in de stiek het zij door gebrek aan Couragie off dat ze in een te nauw ver„ „band en vriendschap staan met de Cerammers gelijk men niet sonder reeden vermoeden mag van de Eijlanders off in woonders van Honimoa en Nussa„ „lant en datze daar door wederhouden worden han met de wapenen aan te tasten uijt vreese dat haren sus„ „pecten handel en bedrijff dan somwijlen te eerder aan het dog sigt mogte ko„ „men want dat ze ten eene„ „maal suijver en onschuldig ^is wel anders aftenemen uyt de beschuldigingen aan sluijkerij zijn, die tegens den orangkaij van Nollot Mattheus Pieter Alij opko„ „men blijkens het aangete„ gebrek kende Van Amboina den 25.:' September 1765 Amboina den 25:' September 1765 Van „kende bij de onder de gemeene papieren overgaande secreete resolutie van den 29:' Iulij laast„ „Covia. „leden en de hier annexe „ brieff d van het sapparouas opperhoofd S:t Glain den 17: september - aan mij geschreven wegens de hier en daar in ruijgtens en klippige gaten op dat eijland verborgen gevondene na„ „gulen welke ik schoon slegt en ondeugend goed zijnde egter de vrijheijd neem met de Chialoup E de Noteboom aan uhoog Edelens ter speculatie over te zenden nevens de zogenaamde el waar van in voornoemde brieff gesprooken word en wel„ „ke praesumptieff gedient Ik twijfele off u hoog Edelens zullen dit in overweeging neemende met mij gepersuadeert moeten werden dat zo als de eer heb gehad bij letteren van den 16: augustus aan te roeren onse Europesen bet alleen moeten zijn die met succes iets zul„ „len uijtvoeren tegens de anderkruijpers van 's Comp:s dierboeren spe„ „cerij handel. En dat met zulx niet alleen be„ heeft off gedient zoude hebben om de voor de nagu„ Cerammers „len van de inruijlende Lijwaten daar mede te meeten heeft kruijsingen 45

NL-HaNA_1.04.02_3157_0384 view scan ↗

English

47 From Amboina, the 25th of September 1765 Amboina, the 25th of September 1765 Regarding the conducting of sea patrols, the last expedition has proven that one must penetrate quite deep inland if any damage of notable significance is to be inflicted upon the smugglers, for rarely has one of their vessels been overtaken while at sea. And that one requires double the force for this is beyond all contradiction when one considers that the vessels cannot be left unmanned while the landings take place, and that the enemy must frequently be engaged on three or four sides. This is also why the force was estimated so high by me in the letter of the 16th of August, in the event that it might please Your Right Honourables, in accordance with my proposal, to send a direct expedition to the south coast of Ceram. That Tobo has from olden times been a foul and strong nest of robbery and smuggling can be seen in the works of the renowned Valentijn, in the second volume of his description of Old and New East India concerning Amboina matters, page 87; since Governor Artus Gijsels, besieging that place by sea with no less than 25 kora-koras and 1180 Alfoors by land on the 21st of November in the year 1631, only became master of it on the 30th of that month, or after a siege of nine days, and that still through surrender by accord. 49 From Amboina, the 25th of September 1765 From Timor, the 1st of October 1765 only became master of it, and that still through surrender by accord. I cite this only as further proof of the necessity to come with a strong force of Europeans if one wishes to seek to make oneself master of that nest, which must now be reckoned far stronger and more experienced in commerce than at that time, in the trust that Your Right Honourables will not take this amiss of me, as my aspiration is ever to retain the good fortune of being permitted to remain, with all respect, Underneath stood: Right Honourable, Valiant, Highly Esteemed Sir and Honourable Valiant Sirs. Lower stood: Your Right Honourables' obedient and faithful servant. Was signed: W. Fockens. In the margin: Amboina, in Castle Victoria, the 25th of September 1765. Pursuant to Your Right Honourables' revered order in Your Right Honourables' secret letter of the 31st of December 1764, I have the honour to present to Your Right Honourables 19 declarations concerning the increased exchange rate of the ducatoons caused by my predecessor Ter Herbruggen, mostly being from people who have petitioned me for the surplus of the shortfall received. I have caused copies of those declarations to be delivered to the Honourable Ter Herbruggen by the sworn clerk Elders, and on each occasion, at least eight days in advance, had the day and hour announced at which the same would be verified and sworn to, as well as To as before. Batavia Batavia Timor, the 1st of October 1765. From From Timor, the 1st of October 1765. that His Honour could prepare such counter-evidence or interrogatories by that time as he should deem necessary for the rebuttal of his case, as well as that His Honour could be present thereat or send someone on his behalf. I sent the sworn clerk to His Honour to ask whether his services or mine, or those of a European orderly, could be of service to His Honour; which matters I repeated to His Honour orally, and the first time had him reminded of the appointed time shortly beforehand. But His Honour rejecting the former, repeatedly addressing very insolent answers to the sworn clerk, I thereafter handled the matter more sparingly and merely had His Honour told the aforementioned and the appointed time upon the delivery of the declarations. Without His Honour or anyone on his behalf having submitted any interrogatory or counter-evidence, the declarations alone were thus verified and sworn to. On the 2nd of May, the Honourable Ter Herbruggen, by means of a petition, requested to answer in our assembly regarding the fourteen declarations sworn to the day before, which was denied to His Honour, as we presumed such not to be Your Right Honourables' intention. Regarding the letter of complaint from the former Mardijker Captains Frans and Herman Maucaan, I have made as much inquiry as possible, but cannot furnish Your Right Honourables with anything regarding it other than the accompanying declarations, because the Ney Nokkers mentioned therein were on that occasion sent to Batavia, the regent of Amacono of that time has passed away, and the Mardijker Hendrik Pieters has since that time suffered a very weak memory, and the others could give me no information concerning it. The Honourable Ter Herbruggen told not only me and the sworn clerk, but also various others, that those declarations were false, which His Honour also seems to intimate in his aforementioned petition; yet I assure Your Right Honourables that regarding the same I have strictly followed Your Right Honourables' revered

Dutch transcription

47 Van Amboina den 25:' September 1765 Amboina den 25:' September 1765 Van kruijsingen ter zee te doen is aan de laaste expeditie gebleken en E dat men al diep land„ „waart in moet zijn als de larrendraijers eenig naam waardig aff-breuk zal worden gedaan want zelden is nog een harer vaartuijgen in zee zijnde agterhaald: En dat men daar toe een dubbelde magt nodig heeft is buijten alle tegenspraak wanneer men Conside„ „reert dat de vaartuijgen terwijl de Landingen geschie„ „den niet onbezet konnen gelaten worden en dat de vijand dikwils aan drie off meer zijden moet vier worden aangegrepen waarom ook de magt zoo hoog door mij genomen is bij missive van den 16: augustus meerm: ingevalle het uHoog Edelens behagen mogte na mijne voorstel een directe bezending na Cerams zuijd Cust te doen Dat Tobo al van ouds een vuijl en sterk rooff off sluijknest is geweest kan gesien worden bij den vermaarden valentijn in het tweede deel zijner beschrijving van oud, en nieuw oost Indien rakende de Ambonsche zaken pagina 87: alsoo de heer gouverneur Artus gijsels die plaats in den Jare 1631. ter zee miet moer als 25: Carre Corres en 1180: Alfoereesen te land den 21: 9ber: belegerende daar van den 30:sten dier maand off na een beleg van neogen dagen worden eerst ƒ ƒ 49 Van Amboina den 25:' September 1765 Van Timor den 1:' October 1765:— eerst meester wierde en dat nog door overgave bij accoord: Ik haale dit maar alleen aan tot een meerder bewijs van noodzakelijkheijd om met een sterke magt van Europeesen te moeten komen indien men zig van dat nest 't welk nu veel sterker en ervarener in den handel als te dier tijd moet gere„ „kent worden wil zoeken meester te maken in vertrouwen dat u hoog Edelens mij zulx niet ongunstig zullen afnemen also mijne betrag„ „ting steeds is om het geluk te be„ „houden van met alle eerbied te mo„ „gen zijn /:onderstond:/ Hoog Edele gestrenge groot Agtbaere Heer en wel Edele gestrenge Heeren /:Lager:/ uw hoog Edelens gehoorsame en trouw schuldi„ „gedienaar /:was getekend:/ W: fockens /:in margine:/ Amboina in't Casteel victoria den 25: September 1765 Ingevolge uw Hoog Edelhedens gevene„ „reerde order bij Hoogst derselver secreete brieff E van den 31: December 1764 heb ik d' eer uw Hoog Edelhedens te presenteeren 19:' stuks „ wegens verklaringen „ de verhoogde cours van de Ducatons door mijn predesesseur Eerker bruggen meest alle zijnde van men„ „schen die mij om het surplus van het te min ontfangene versogt hebben ik heb Copias van die verklaringen door den gesw: scriba Elders den E: Ter Herbrug„ „gen doen overhandigen en telkens ten minsten aght dagen bevorens late Leg„ „gen den dags en 't uur op welke dezelve zoude gerecolleert en b'eedigt worden mitsg:s Aan Alsvooren. Batavia Batavia dat Timor den 1:' October 1765. Van Van Timor Den 1:' October 1765. E dat zijn d sodanige Contra bewijsen off vraag poincten tegens die tijd konde vervaardigen als deselve tot enervatie van zijn saak soude nodig oordeelen mitsgaders dat sijn E: daar bij konde present zijn ofte iemand sijnen twegen sen„ „den ik heb zijn E: den gesw: scriba ge„ „sonden om te vragen off zijn off mijn dienst ofte die van een Europees oppassar zijn E: te staede konde komen welk een en ander ik zijn E. mondeling berhaalt heb en d'eerste maal de bepaalde tijd kort bevorens laten erinneren dog zijn E: het eerste van de hand wijzende aan den gesw: scriba telkens zeer brutaale antwoorden toe voegende heb ik sulx in 't vervolgh gemenageert en zijn E: enkelt bij d: overgaave der verklaringen het even gem: en de bepaalde tijd laten seggen . dat zyn E: of iemand zynent weegen. sonder „ ofte eenig vraag poinct ofte Contra bewijs overgelegt is dus d'enkelde verkla„ „ringen gerecolleert en b'eedigt zijn op den 2: Maij heeft den E: Ter Herbruggen bij een request versogt sigh wegens der veerthien verklaringen daags bevorens b'edigt in onse vergaderingh te vetaant woorden welk zijn E: is ontzegt nadien wij vermanden sulx uw hoog Edelhedens intentie niet te zijn Ik heb omtrent het klaag schrift van de gew: mardijker Capitains Frans en Herman maucaan soo veel mogelijk ondersoek gedaan dog kan uw hoog Edelhedens daar omtrent niet anders suppeditee„ „ven als de nevensgaande verklaringen dewijl de daar in vermelde Neij Nokkers bij die occagie naar Bata„ „via versonden den toenmalige Rijxbestierder van ama cono overleden en den mardijker Hendrik Pieters ze„ „dert die tijd zeer zwaak van memorie is en de andere mij daar omtrent geen bescheijd wisten te geven Den E: Ter Herbruggen heeft niet alleen aan mij en de gesw: scriba maar ook aan diverse andere ge„ „segt dat die verklaringen valsch waaren welk zijn E: in zijn voorm: request mede scheijnd te kennen te geven dog ik verseker uw hoog Edelhedens dat ik omtrent deselve stiptelijk heb gevolgt Hooghst derselver op gevenereerde

NL-HaNA_1.04.02_3157_0387 view scan ↗

English

From Timor the 1st October 1765: 53: From Malacca the 13th October 1765 venerated orders without having gone either to the right or to the left, or having caused His Honour the least hindrance regarding that which could serve for his exoneration. When we were busy closing the papers, the Honourable Ter Herbruggen sent for the sworn clerk to serve notifications and draw up declarations; he certainly did this to present to Your High Noble Honours that he was prevented from gathering counter-evidence for his exoneration, because it was all too well known to him that the sworn clerk could not be spared at that time, and that there was no more time (if the Company's papers had not already hindered him) to take, have taken, and have copied any notifications and declarations. Herewith I hope to have satisfied the high intention of Your High Noble Honours, and I give myself the honour to name myself, with the utmost high esteem and deeply bound respect, (below stood:) High Noble Grand Honourable Wide-Commanding Lord and Right Noble Lords, (lower:) Your High Noble Honours' most humble and most obedient servant, (was signed:) B: v: Voorst: (in the margin:) Coupang on Timor the 1st October Anno 1765: The order contained in Your High Honours' much respected secret letter of the 3rd of August of the previous year, to carefully watch the vessels that might arrive from Palembang, and on all occasions to inform Your High Honours of their arrival and departure, the names of the Nakhodas, their cargo upon arrival and return, and whatever further might be discovered of note regarding their trade, as well as to transmit their original passes, necessitates me giving Your High Honours communication that on To as above Batavia Batavia the From Malacca the 13th October 1765 55 From Malacca the 13th October 1765. the 2nd and 3rd of this month two vessels from Palembang arrived here, on which Said Agmat and Juragan Oemat are the Nakhodas, both being listed in their passes as servants of Sultan Ratoe. The first called in passing at Bukit Batu, and the second arrived here via Riouw. Furthermore, their vessels were laden with no other goods than those noted on the passes (which are annexed hereto in originali). It is said that the Arab Said Agmat only visited the other shore to speak with Radja Alam, but hearing at Bukit Batu that this prince was dead, he immediately sailed over here. The second, who calls himself Juragan Oemat and qualifies himself as being a servant of the Sultan, is a Malay of Malacca and named Nakhoda or Panglima Pacassa; he lived for many years here in the upper lands, but has some years since departed from here under the cover of night, without his friends ever having been able to learn for certain where he ultimately ended up thereafter and where he established his domicile. These From Malacca the 13th October 1765. 7 From Malacca the 13th October 1765: — are both still here and are busy selling their goods by degrees. As soon as the news of Radja Alam's death was brought here, I immediately sent a trusted person to the River of Siak to ascertain in all haste not only whether that news was true, but also to make secret inquiries into the present state of affairs and how the sentiments are inclined; likewise whether the death of Radja Alam has also caused any dejection there, as well as how the people are disposed toward his son Mahomet Ali and how the latter conducts himself under these circumstances. But according to the annexed account, upon his return he related nothing other than that, having arrived at Bukit Batu on the 3rd of this month, he heard there that Radja Alam had already passed away sixteen days prior at Jina Palang. That immediately after his death the Young King had the inhabitants ordered by beat of drum to have their heads shaved (according to the custom of those peoples) as a sign of mourning, and that this order was also immediately obeyed. That he could not notice From Malacca the 13th October 1765 From Malacca the 13th October 1765 that Radja Alam's death was heavily mourned, but that his son Mahomet Ali seems to be very well-loved. That Radja Ali had all the chiefs of the Celates arrested to prevent their running away, and that a large bangsal has been erected on Bukit Batu in which three eight-pounder pieces are placed. Further, he says he heard that immediately after the death of his father, Radja Ali was summoned by the Riouw Regent, Daeng Camboja, and that he is also preparing to depart for Riouw with the upcoming new moon with 12 vessels (called Penjajaps). Likewise, that Radja Ismael also sent a vessel from Terengganu to Siak to ascertain whether Radja Alam is dead, and that as soon as the crew of that vessel were also informed of this with certainty, it departed from there again immediately. And lastly, that a rumour is circulating on the other shore that Radja Ismael is about to arrive, of which he says the inhabitants seem to be very fearful. I have been waiting with very great impatience for a proper

Dutch transcription

Van Timor den 1:' October 1765:— 53: Van Malacca den 13:' october 1765 gevenereerde orders sonder ter regter off ter lnker zijde gegaan ofte zijn E: eenige de minste verhindering omtrent het geene tot zijn ener va„ „tie zoude kennen strekken toegebragt te hebben Toen wij besigh waaren met het sluijkter der papieren heeft den E: Ter herbruggen den gesw: scriba laten roepen tot het doen van insituatien en passeeren van verklaaringen hij heeft sulks secerlijk gedaan om uw Hoog Edelhedens te Leg„ „gen dat hij in het inwinnen van Contra bewijsen tot zijn enevatie belet is want hem was alte wel bekent dat den gesw: scriba toen ten tijd niet gemist en dat er geen tijd meerder was /:soo 's Comp: papieren hem niet verhindert hadden :/ insumatien en verklaringen afte nemen en te laten nemen en te laten copieeren Hier mede verhoope aan de hooge intentie van uw Hoog Edelhedens te hebbe voldaen zo geve mij d' Eer met de uijterste hoog agting en diep schuldig Eerbied te noeme /:onderstond:/ Hoog Edele groot Agtbaere wijdgebiedende Heer en Wel Edele Hee„ „ren /:Lager UW Hoog Edelheedens onderdanigste en Gehoorsaemste Dienaer /:was getekent:/ B: v: Voorst: /:in margine:/ Coupang op Timon den 1=ste October A:o 1765: De ordre vervat bij uw hoog Edelens zeer gerespecteerde secreete missive van den 3=en august: des voorledene jaars om naauwkeurig te letten op de vaartuigen die er van Palem„ „bang mogte aankomen en bij alle gelegentheden uw Hoog Ede„ „lens te bedeelen derselver komst en vertrek de namen der Nacho„ „das derselver Lading bij aanbreng en retour en wat er verder van aanmerking wegens hun„ „nen handel te ontdekken sij mitsgaders haare origineele Laken over te senden necessitee„ „ren mijn om uw Hoog Edelens Communicatie te geeven dat op Aan Als vooren Batavia Batavia den Van Malacca den 13:' October 1765 55 Van Malacca den 13:' october 1765. den 2:e en 3:e dezer maand alhier sijn aangekomen twee vaartuigen van Palembang waar op als Nachadas zijn said agmat en Iuragan Oemat staande zij beijde bij hunne Pascen bekend voor Dienaaren van sultan Ratoe Den Eerste heeft en passant Bouquit Batoe aangegiert en de tweede is over Riouw hier gekomen voorts sijn hunne vaartuigen met geen andere goederen geladen geweest als op de Pascen /:dewelke in originali hier ne„ „vens sijn gevoegt:/ genoteerd staan Den Arabier Laid agmat zegt men dat alleen de over„ „wal is aangeweest om met Radja Alam te spreeken dog op Boekit batoe horende dat dien vorst dood was is deselve ilico dit heen gesteevend Den tweeden die sig noemt Iuragan Oemat en hem qua„ „lificeert een Dienaar van sultan te zijn is een Malijer van Malacca en genaamt Nachoda of Panglima Pacas„ „sa; hij heeft lange Iaaren alhier in de boven landen woonagtig geweest dog is zedert eenige Jaaren met de noorder zon hier van daan verhuist sonder dat sijne vrienden„ ooit regt te weeten hebben kunnen krijgen waar hij ligent„ „lijk daar na beland is geweest en waar hij sijn Domicilium gefixeerd heeft gehad deselve Radja zijn Van Malacca den 13:' october 1765. 7 Van Malacca den 13:' October 1765: — zijn beide nog hier en zijn bezig langsamerhand hunne goede„ „ren te verkopen zo dra alhier de tijding is aange„ „bragt van Radja Alam zijn Dood heb ik al aanstonds een ver„ „trouwd Persoon na de Rivier van Siac gesonden om in aller ijl te verneemen niet alleen of die tijding waar was maar ook om in secretesse te laten informeeren na de presente constitutie van saken en hoe de gemoederen gesteld zijn item of de Dood van Radja Alam ook eenige veerslag„ „tigheid in deselve aldaar verwekt heeft mitsgaders hoe het volk gezind is om„ „trent sijn zoon Mahomet Ali en hoe den laastgenoemde sig in dese omstandigheid gedraagt dog denselve heeft /: blijkens ne„ „vens gevoegt Relaas :/ bij sijn retour niet anders gere„ „lateerd als dat hij op den 3: deser tot Bauquit batoe ge„ „komen sijnde aldaar heeft geboord dat Radja Alam doen„ „maals al sestien dagen ge„ „leeden tot jina Palang over„ „leden is Dat den Ionge Koning onmid„ „delijk na deszelfs dood bij bekke geslag aan de Inwoon„ „ders heeft laten belasten hunne hoofden /: volgens de gewoonte dier volkeren:/ tot een teken van Rouw te laten scheeren en dat aan die ordre imme„ „diaat ook is g'obedieert Dat hij niet heeft kunnen Ligs merken Van Malacca den 13:' october 1765 Van Malacca den 13:' october 1765 merken dat Radja Alam zijn Doord egter sterk betreund werd maar dat zijn zoon Mahomet. Ali seer bemind: schijnt Dat Radja Ali alle de hoof„ den van de saletters heeft laten opvatten om hun het wegloopen te beletten en dat op Boekit batoe een groote bangsaal is opgerigt waar in drie agt ponder stuk„ „ken geplaatst sijn wijders zegt hij gehoord te hebben dat Radja Ali immediaat na de Dood van zijn vader door den Riouws Regent Dain Cambodia is ontboden en dat densel„ „ve sig ook gereet maakt om met de aanstaande 1 nieuwe Maan met 12: vaartui„ „gen /: Panjajabs genoemt:/ na Riouw te vertrekken Item dat Radja Ismael mede een vaartuig van Trangano na Siac geson„ „den heeft om te verneemen of Radja Alam dood is en dat zo dra het volk van dat vaartuig hier van mede met zekerheid is g'informeert geworden. het selve weder aanstonds van daar vertrokken is En laastelijk dat aan de overwal een Gerugt loopt, dat Radja Ismael door staat te komen waar voor hij segt dat de Inwoon„ „ders zeer bevreest schijnen Ik heb met zeer veel Impatien„ tie zitten wagten na een behoor„ „gen „lijke „ .

NL-HaNA_1.04.02_3157_0391 view scan ↗

English

From Malacca the 13th of October 1765 official communication of that death, and in what manner Radja Ali will now inform the Company of his succession, for which he is presently fully legitimized and qualified by virtue of the pardon he obtained and pursuant to the Act of Acceptance of the 12th of March 1763 of the treaty that was concluded here by this administration between the Company and his late father Radja eflam on the 16th of January 1761, the religious observance of which he solemnly swore upon the Quran while uttering the most terrifying imprecations and curses against himself in the event that he or his successors should deviate from it in the future. But until now I have not been able to obtain this, about which everyone here, along with myself, is greatly astonished, as one cannot as yet discern with certainty what Radja Ali actually intends by this silence. Consequently, I find myself obliged not only to inform Your Right Honourables of all this, but also to notify Your Right Honourables that I am presently informed from good authority that the King of Trangano has actually given his daughter in marriage to the aforementioned Prince Ismael, who had fled and was long granted refuge in his realm, and that (so it is said) out of gratitude and as a reward for his demonstrated bravery in conquering Clantang for that monarch, of which His Highness has likewise not given us the slightest notice. This, added to the failure to fulfill his promises to send envoys to Batavia and hither, leads me to the absolute conviction that very little or no reliance at all can be placed on the former professed goodwill of the Trangano king, and that it consists of mere words, indeed that he might very soon carry out deeds that will be entirely incompatible with it; for that he will now be able any longer to resist the continuous solicitations and assiduous entreaties of his present son-in-law to launch an attack on Siac in this conjuncture of time, when the Company has dismantled its post on Poelo Gontong, is rather to be wished than believed. And from the silence of Radja Ali and his known resentful and turbulent nature, one can likewise not expect much good, the more so if what is said is true, that through the dismantling of the Company's post he is now under the illusion that he no longer needs her or has to respect her. Nor is Dain Cambodia to be counted upon; he is a sly and crafty fellow who will not fail to cast his hook into these troubled waters in order, if possible, to make a profitable catch for himself. At least it appears throughout his entire conduct that he seeks to establish himself by force upon the throne of Johor, for the reports brought here successively from that realm unanimously report that the Malays there currently have nothing more to say, and that the Bugis, on the contrary, increase their power from day to day, which is why people here in general are becoming more and more apprehensive for the person and the life of the underage though legitimate King of Johor. In addition, it is reported here (and that quite reliably) that a Bone prince has arrived at Riouw who seeks the daughter of Dain Cambodia in marriage, and that there is a very great likelihood of its success; indeed, that they are presently occupied with arranging the preliminaries of the aforementioned alliance. What more there may be to this, I cannot as yet report with certainty to Your Right Honourables, but I can report that Dain Cambodia in the last past month permissively communicated to me (a copy of which is annexed hereto among the other enclosures) that he has received a letter from the King of Bone, and that in it that monarch merely recommends that the Bugis live in unbreakable friendship and alliance with the Company, nothing more. I now leave it to the wise deliberation of Your Right Honourables what one should think of this, and whether one ought not to give some credit to the aforementioned public reports on the basis of it; for to be willing to believe that Dain Cambodia has communicated to me the contents of the letter from the King of Bone honestly and according to its true contents would truly be placing far too great a trust in a person who has so often given proofs of his dissembling nature and deceitful conduct. On the contrary, I maintain that one may well and with great confidence presuppose that he has heavily censored it and turned it entirely to his liking and purpose, with the intention of blinding me therewith. I therefore conclude this point with the following respectful question: In what manner must the alliance of the daughter of the Riouw Regent Dain Cambodia with a Prince of the house of Bone, if it is found to be true, be envisaged? I cannot on this occasion refrain from informing Your Right Honourables that a natural son of the King of Queda, with the prior knowledge and consent of Dain Cambodia, is likewise to marry within a short time the daughter of Toenco Radja of Salangoor, and that for

Dutch transcription

Van Malacca den 13:' october 1765 Van Malacca den 13:' october 1765: „lijke Communicatie van dat sterfgeval en in wat voegen Radja Ali de Comp: altans kennis zal geeven van zijn successie waar toe hij door sijn g'obtineerd Pardon en inge„ „volge de Acte van accepta„ „tie van den 12: Maart 1763 van het Tractaat dat tusschen de Comp: en wijlen zijn vader Radja eflam op den 16: Ianu„ „arij 1761: door dit minis„ „terie alhier geslooten is en welkers religieuse onderhou„ „ding hij plegtiglijk op den Alio„ „van onder het doen van de aller ijsselijkste imprecatien en Maledicties tegens hem selve ingevalle hij of zijner successeuren daar van in 't vervolg mogten komen afte wijken heeft beswooren te„ „genswoordig volkomen ge„ „wettigt en gequalificeert is Dog tot nu toe heb ik die niet mogen bekomen waar over een ijder met mijn alhier zeer verwondert staat also men voor als nog niet zeker„ „heid niet kan penetreeren wat Radja Ali ijgentlijk met dat stilswijgen buteerd Mitsdien vind mij ver„ „pligt uw Hoog Edelens van dit een en ander al mede niet alleen kennis, te gee„ „ven maar uw. Hoog Ede„ „lens ook te notificeeren dat ik tegenswoordig van goeder hand g'informeert ben dat den koning van Tran„ „gano aan den voorn: gevlugte wijken en Van Malacca den 13:' october 1765 Van Malacca den 13:' october 1765 en den voorlang in sijn Rijk schuilplaats verleende Prins Ismael sijn Dogter wesentlijk ten huwelijk gegeeven heeft en dat /:zo gezegt word:/ uit er„ „kentenis en tot Belooning van sijne betoonde Bravou„ „res in het overmeesteren van Clantang voor dien vorst waar van Hoogheid ons nogtans al mede geen de minste kennis heeft gegee„ „ven het welk gevoegt bij het manqueeren in zijne gedaane promesses om ge„ „santen na Batavia en herwaarts te senden mijn in een absoluit denkbeeld brengt dat op den Tran„ „ganos koning sijn voormalige betuigde welgesindheid zeer wijnig of in 't geheel niet staat te maken is en dat deselve maar in bloote woor„ „den bestaat za dat hij mogelijk wel haast da„ „den sal uitvoeren die daarmede gantsch niet over een te brengen sul„ „len sijn want dat den sel„ „ve de Continueele aansoe„ „kingen en assidue sollici„ „tatien van sijn presente schoon zoon om in dese Con„ „junctuure van Tijd en dat de Comp: haar Post op Poelo gontong opgebrooken heeft een attacque op siac te doen nu langer sal kunnen wederstaan is eerder te wen„ „schen als te gelooven betuigde Van Malacca den 13:' october 1765 D Malacca den 13:' october 1765 Van En uit het stilswijgen van Radja Ali en zijne bekende wrevelige en turbilende aard kan men mede niet veel goeds verwag„ „ten te meer als het waar is het geen gesegt word dat denselve door de op„ „braak van Comp: Post tegenswoordig in een ver„ „beelding is dat hij haar nu niet meer benodigt. of te ontsien heeft op Dain Cambodia is mede niet te rekenen dat is een loose en doortrapte knaap en die zal niet nalaten in dit troebel water sijn angel te werpen om is 't mogelijk. / daar in een voor„ „deelige vangst voor hem te doen ten minste het blijkt in't geheel zijn gedrag dat die zig op den Troon van Iohoar met geweld zoekt te vestigen want de tijdingen die uit dat Rijk successive alhier aangebragt werden melden unaniniter dat de malijers aldaar tegenswoordig niets meer te seggen hebben en dat de Bougineesen in tegendeel hun magt van dag tot dag augmenteerd alwaar om men in 't Generaal alhier meer en meer bedugt word voor de Persoon en het Le„ „ven van den minderjari„ „gen dog wettigen koning van Iohor Daar te boven word hier doen en Van Malacca den 13:' october 1765 Van Malacca den 13:' october 1765 /:en dat al vrij seker verhaald:/ dat 'er tot Riouw een bonijs Prins is g'arriveerd dewelke de Dogter van Dani Cambo„ „dia ten huuwelijke ver„ „soekt en dat er tot de reussite van dien seer veel apparentie is Ia; dat zij actueel g'accu„ „peerd sijn met het reguleeren van de preliminaires van voorsz: alliantie wat nu verder van sij kan ik uw Hoog Edelens voor als nog niet met ge„ „wisheid melden maar wel Dat Dain Cambodia mij in de Iongst gepasseerde maand permissive /:waar Copia nevens dese van de onder de andere bijlagen is gevoegt:/ gecommuniceerd heeft dat hij een Brief van den koning van Bonij heeft ontfangen en dat dien vorst de Boeginee„ „sen daarin recomman„ „deert met de Comp: in een onverbreekelijke vriend„ „schap en Alliantie te leven zonder meer Ik laat nu aan de wij„ „se ponderatie van uw Hoog Edelens wat men hier van denken moet en of men op fundament van dien niet eenig Cre„ „dit aan de voorsz: pu„ „blicque nouvelles mogen geeven want te willen gelooven dat Dain Cam„ „ „bodia aan mijn den In„ „houd van de brief van den heeft koning E Van Malacca den 13:' october 1765 Van Malacca den 13:' October 1765 koning van bonij opregt en na zijn waren Inhoud heeft gecommuniceerd zoude voor„ „waar een al te groote ver„ „trouwen in een Persoon gesteld zijn die zo menig„ „maal preuves van sijn veinsagtig naturel en bedric„ „gelijken handel gegeeven heeft in tegendeel sustineer ik dat men wel en net zeer veel Gerustheid mag pre„ „supponeeren dat hij deselve zeer gecasteerd en allesints na zijn zin en oogmerk getourneerd heeft met Intentie om mijn daar mede te blinddoeken Ik besluit dierhalven dit Poinct met de vol„ „gende Eerbiedige vraag Hoedanig moet de verbin„ „tenis van de Dogter van den Riouws RegentDam cambodia, met een Pins van het huis van bo„ „nij indien deselve bevonden word waar te zijn g' invisageerd worden Ik kan bij dese occasie ook niet af zijn uw hoog Edelens te adverteeren dat een natuurlijke zoon van den koning van queda met voorken„ „nis en Consent van Dani Cambodia binnen wijni„ „ge tijd mede staat te trouwen met de Dogter van toenco Radja van Salangoor, en dat tot Hoedanig het

NL-HaNA_1.04.02_3157_0396 view scan ↗

English

Malacca, the 13th of October 1765 From Malacca, the 13th of October 1765 For the consummation of that marriage, very great preparations are already being made. Likewise, that the old and decrepit King of Queda, according to the opinion of the native politicians, does this with no other purpose than that this descendant of his, after his death, may be maintained in possession of the realm all the more forcefully by those of Salangoor and presumably also by those of Riouw, since he well foresaw that his end is near, that his realm after his decease will become a great bone of contention, and that more legitimate pretenders will then arise who already now have a great following in the kingdom. And also partly out of fear of the Barramans, for he seems very apprehensive that when they have conquered Oedjong Salang and Ligor, they will come to invade Queda, which was formerly a tributary of Siam. I could not fail to inform Your Right Honorables of all this in detail, and the more so because, if I may follow my melancholy disposition and present my thoughts to Your Right Honorables unreservedly as I am bound to do, I cannot from all the aforesaid changes and revolutions of matters at this juncture foresee otherwise than a great dispute and discord among these petty potentates, and that this fairway, both to the south and to the north, will again be made very unsafe, as well as that robbing and murdering will be started anew from the very beginning. I therefore believe that my duty and my obligation demand of me that I represent to Your Right Honorables these feared inconveniences, with a humble request that Your Right Honorables, for the service and reputation of the Company and for the maintenance of its rights and prerogatives in this strait, as well as for the security of this place and its good inhabitants whose entire prosperity depends thereon, and also for the fending off of all slights and affronts that might befall us here and consequently the Company, may be pleased to make such provision as speedily as possible so that the required and promised vessels may be sent hither at the earliest, Your Right Honorables being assured that the same will be employed well and to the greatest service of the Company, as is proper. Relying thereon, I shall pray to God Almighty that He may mercifully bless Your Right Honorables' praiseworthy government. While I remain with deep veneration, below stood: Right Honorable, Valiant, Grandly Venerable Lord and Well-born Gentlemen; lower: Your Right Honorables' very humble and obedient servant; was signed: Thom: Schipper; in the margin: Malacca, in the Castle, the 13th of October 1765. From Makassar, the 20th of October 1765. To Batavia, As Above. Having in my respectful last letter of the 15th of the recently passed month of September, the duplicate of which accompanies this in all respect, given a detailed account regarding the state of the realm of Sumbauwa and the means that were employed, since nothing was to be gained by gentle measures, to bring that realm by force back into proper tranquility and dependence on the Company, with hope of a good outcome if the commissioners proceed with the requisite caution; so, begging leave to refer thereto, I shall mainly let this serve humbly to bring with submission to Your Right Honorables' notice the state of affairs on these islands and what has occurred since my humble advices of the 1st of May last with the allied princes, in which regard then first comes into consideration the realm of Boni, which is presently in complete tranquility, and the King

Dutch transcription

Malacca den 13:' october 1765 Van Malacca den 13:' october 1765 Vder er als dan wel wettiger preten„ het Consommeeren van dat „denten sullen opkomen die van Huwelijk bereets zeer groote praparatien werden ge„ nu af aan al een groote aan„ „maakt „bang in 't koningrijk hebben Item dat den oude en afgeleef„ En ook gedeeltelijk uit vrees „de koning van queda /: na voor de Barramans want hij het gevoelen der Inlandse zeer bedugt schijnd dat als die staat kundigen :/ zulks oedjong salang en Ligor over„ met geen ander oogmerk doet „„wonnen hebben zij queda pat me„ seondeen tributair van siam is ( zullen dan om dat dese sijn ater„ „de „ komen invadeeren „ling na deszelfs Dood in de Ik heb niet kunnen nalaaten Possessie van het Rijk zo veel uw hoog Edelens dit alles omstan„ te kragtdadiger door „diglijk te adviseeren ende die van salangoor en pre„ zulx te meer om dat ik /:zal „sumtivelijk ook door die ik mijne zwaarhoofdigheid vol„ van Riouw kunnen gemainc„ „gen en uw Hoog Edelens onge„ „tineerd werden naar dien „reijnst zo als ik verschul„ „digt ben mijne gedagten te hij wel voorliet dat zijn eijnde leggen:/ uit alle de voorsz: ver„ na bij is en dat sijn Rijk na zijn overlijden een groote „anderingen en omwentelin„ Twist appel zal worden en dat „gen van zaaken in dit tijds en gewrigt Van Malacca den 13:' october 1765: — Malacca den 13:' October 1765 Van 73 „kan gewrigt niet anders „ voorsien dan een groote Twist en oneenigheid onder dese Potentaatjes en dat dit vaar„ „water zo wel om de zuid als om de Noord weder zeer onvijlig zal worden gemaakt mitsgaders dat er met het rooven en moorden van meet af aan sal begonnen worden Ik meen mitsdien dat mijn pligt en mijn devoir van mijn afeijschen dat ik uw hoog Edelens dese te dugtene ongelegentheden representeer met onderdanig versoek dat uw hoog Edelens voor den dienst en de reputatie van de Comp: en tot mainc„ „tien van haare regten en Daar op mij verlatende zal ik God Almagtig bidden prarogativen in dese straat mits„ „gaders tot securiteit van dese Plaats en haare goede ingezetenen die haar geheele welvaaren daar aan hangt ende ook tot afweerin„ „ge van alle klijnigheden en af„ „fronten die ons alhier en bij ge„ „volg de Maatschappij zoude kun„ „nen overkomen op 't spoedigste die voorsieninge te willen doen dat de benodigde en beloofde vaartuigen ten eersten na her„ „waarts mogen gesonden wor„ „den kunnende uw Hoog Edelens g'assureerd zijn dat deselve wel en ten meesten Diensten van de Comp: /:gelijk zulx behoord g'emploijeerd zullen wor„ „den praerogativen dat Van Malacca den 13:' october 1765 F Van Maccasser den 20:' october 1765. dat Hij Uw Hoog Edelens Loffe„ „lijke Regeering goedertierentlijk wil zegenen Terwijl ik met een diepe veneratie blijve /:onder„ „stond:/ Hoog Edelen Ge„ „strengen Groot Acht„ „baare Heere en Wel Ede„ „le Heeren /: Lager:/ uw Hoog Edelens zeer onder„ „danige en gehoorsame Die„ „naar /:was getekend:/ Thom: Schipper /:in mar„ „gine:/ Malacca In 't Cas„ „teel den 13:' october 1765. — Bij mijne Eerbiedige laatste van den 15: der Iongst verweeken maand. 7ber: waar van het duplicaat deeze in alle eerbied verseld een omstandig verhaal gedaan hebbende weegens den toestand van het rijk sumbauwa en de middelen die aangewerd sijn om vermits en met sagt„ „heid niet was te winnen met force dat rijk weder in een behoorlijke rust en afhanklijkheijd van de Comp:e te brengen met hoope van een goeden uitkomst als de gecommitteerdens met de vereijste voorsigtigheijd te werk gaan zoo zal ik mij met permissie daar aan gedragende deeze ten principaale onderdanig laaten dienen om VE: hoog Edelheedens met submissie ter ken„ „nis te brengen te brengen de gesteldheid van saaken ten deezen Eijlanden het geene sedert mijne nedrige adviesen van den 1: Maij I:o leeden met de bovrd„ „genooten den vorsten is voor gevallen waar omtrend dan het eerste in aanmerking komt het rijk van Bonijoot thans is in volmaakt rusten den Batavia Aan Als Vooren Batavia koning

NL-HaNA_1.04.02_3157_0399 view scan ↗

English

Maccasser, 20 October 1765 From Maccasser, 20 October 1765: The king has recovered again from his loss of memory, enjoying complete health commensurate with his advanced age, it being desirable that this may continue for many years yet, for it is to be feared that after his death, although care has been taken for the succession and Aroe Mampoe remains steadfast in his affection for the Company, many difficulties are to be expected, since his eldest son Aroe Ela now and then usurps a great deal of authority, and since no one dares to make this known to the old monarch, he likewise increases in power and capability. Nevertheless, on several occasions I have always received proper satisfaction whenever something occurred concerning the Company's territory or subjects. But most of the difficulties arise from his grandsons, who, now having become youths, are committing quite a few outrages. Thus, on 8 July last, it was communicated to me by the Resident at Maros that Aron Amalie, on 24 June prior, during the absence of the said Resident, had murdered an emissary of the Company in the village of Beoang without any cause, and that this had almost provoked a tragic disaster, as the relatives of the deceased wished to take revenge for his death, though this was fortunately prevented. Furthermore, that Lapetapi, having arrived at the bazaar with his retinue, two of his men, named Lase pattoe and Lawakka, brutally encountered an European soldier who was walking there, and reviled him with all kinds of foul and slanderous expressions, indeed even drew the kris against him without the said soldier having given them the slightest reason for it. That subsequently, on 14 of the aforesaid month of June, the aforesaid Papetapi and his associates, having arrived before the Valkenburg redoubt in the evening around 8 o'clock, knocked without fear at the gate and likewise reviled the corporal on guard, alongside the other sentries, with many insults, so that it would have had evil consequences had not the sergeant commanding the post, Lecerff, who is proficient in the Bugis and Makassar languages, stepped in and with great effort brought them to a halt. Upon this report, I sent the interpreter Bartelsz, accompanied by the Captain of the Malays, to the King of Boni, with orders to the latter, as he is most esteemed by him, to make this aforementioned matter known to His Majesty in all its circumstances, and at the same time to add that, although I could find reason enough to lodge a complaint on behalf of the Company through two members of the Political Council concerning these far-reaching insolences and brutalities inflicted upon the Company and to demand a striking satisfaction, or else could issue orders in the future to repel such petty princes by force and give them their just deserts, I had nevertheless chosen for this time, out of respect and affection for the King, to take the gentlest path and handle this matter privately. His Highness could well consider what thoughts Your Right Honourables would form if they were to see that his children and grandchildren committed such wanton acts on the Company's territory, just as I was also grieved to see that they showed so little respect for the Company and degenerated from their father, upon whom the Company, as its foremost ally, had always been able and permitted to rely, and who continually gave evidence of how he sought to live in good harmony and understanding. That I therefore, for all the aforesaid reasons, did not doubt that His Highness would issue the necessary orders so that the said petty princes and their retinue would be corrected and punished according to their deserts, etc. Upon all of which, the King being very vexed, in the presence of the said emissaries had a letter drawn up by his secretary to the Makkadangtana, the regent of the realm, with orders to send the said Arou Amalie without delay to the interior.

Dutch transcription

Maccasser den 20: october 1765 Van ƒ Maccasser den 20:' October 1765: — Van koning weder hersteld van sijn manquement aan memorie genietende een Compleete gesondheid na mate van sijne hoogen ouderdom te wenschen zijnde dat zulx nog lange jaaren mag duuren want het te vreese sij na zijn overlijden /:schoon en sorge gedraagen is voor de successie en Aroe Mampoe sijne geneegentheid voor de Comp: volstandig blijft, veele moeijlijkheeden te verwagten sijn vermits zijn oudste zoon Aroe Ela sig soo nu en dan al vrij wat veel aanmagtigd en vermits nie„ „mand den ouden vorst zulx durft te kennen geeven in magt en vermoogen doe glijx toeneemd egter heb ik in verscheijde geleegentheeden nog altoos behoorlijk satisfactie gehad als er iets voor viel s: Comp:s land of onderborige betref„ „fende maar de meeste moeijlijk heeden komen van sijne klijn zoons die nu Iongelingen geworden sijnde alsoo vrij wat buiten spoo„ „righeeden opleegen soo als dan op den 8: Iulij Iongstleeden mij door den Resident tot ma„ „ros wierd gecommuniceerd dat Aron Amalie op den 24:' Iunij bevorens in absentie van gem: Resi„ „dent in de Negorije Beoang een sComp:s sendeling sonder reedenen vermoord hadde en dat sulx bij na een droevige tragerie had veroorsaakt dewijl de nabe„ „staande van den overleeden over desselvs dood wilde wraak neemen dog dat sulx nog gelukkig was belet dat wijders Lapetapi met dies gevolg op de bazaar gekomen zijnde twee van sijne manschappen in name Lase pattoe en Lawakka een Europees soldaet de„ „welke aldaar ging wandelen op een brutale wijze ontmoed en gescholden hadden met allerhande vuijleen lasterlijke Expressien Ia selfs teegens hem de krits getrokken sonder dat gem: Militair haar daartoe de minste reedenen gegeven hadde dat naderhand of op den 14:' der voorsz: maand Iunij den voorsz: Papetapi /: C: S: / 's avonds cirka 8: uuren tot voor de schans valkenburg gekomen sijnde aldaer sonder schroom aan de poort geklopt en de wagt hebbende Corporaal nevens de verdere postelin„ „gen insgelijx met veele lasteringen hadde uit„ „gescholden soo dat het van quaade gevolgen op soude Van Maccasser den 20:' october 1765:— 395 Van Maccasser den 20:' October 1765 soude sijn geweest waare den posthoudend sergiant Lecerff die de boegineese en maccassaarse taalen magtig is niet toegesprongen en met veel moeijte haar tot stilstand gebragt hadde op dit berigt dan heb ik den tolk Bartelsz: verseld van den Capitain der maleijers na den koning van bonij gesonden met last aan den laatste als het meeste bij hem gezien zijnde om zijn majesteit dit voorenstaande in alle sijne omstandigheeden bekend te maaken en teffens daar bij te voegen dat alhoewel ik reedenen genoeg soude kun„ „nen vinden om door twee leeden uijt den poli„ „ticquen raed over deese verre gaande insolentien en de brutaliteijten de Comp: aangedaan baarent„ „wegen te kunnen doleeren en een eclatante sa„ „tisfactie pretendeeren dan wel ordre kun„ „nen stellen soodanige prinsjes in den aanstaan„ „de met geweld of te keeren en loon na werken te geven ik egter voor deese maal uijt agting en gereegentheijd voor de koning Iagtste weghad willen inslaan en deeze saak in 't particulier behandelen sijn hoogheijd welkonde na gaen wat gedagten uw hoog Edelheedens soude formeeren wan„ „neer hoogst deselve saegen dat sijne kinderen en kindskinderen sodanige baldadigheeden pleegden op s Comp: land soo als het mij ook leedt was te moeten zien dezelve soo wijnig agting voor de Comp: be„ „toonde en ontaarde van haaren vader op wien de Comp: als eerste bandgenoot sig altoos hadde kunnen en moogen vertrouwen en daar van geduurige blijken quam te geeven boeda„ „nig deselve tragten te leeven in een goede harmonie en intelligentie dat ik dan ook om alle de voorsz: reedenen niet wilde twijffelen of zijn hoogheid soude de nodige ordre stellen dat de gem: prinsjes en haar gevolg na me„ „rite wierden gecorrigeert en getraft &c: op alle het welke den koning seer verstoord sijn„ „de ter presentie van gem: afgesondene door zijnen secretaris een brief liet vervairdigen aan den mak„ „kadangtana /:rijxbestierder:/ met orde om sonder versuijm gem: Arou Amalie na de behandelen binnen

NL-HaNA_1.04.02_3157_0401 view scan ↗

English

A. Maccasser the 20th of October 1765 From E Maccasser the 20th of October 1765 From to send inland in order to remain there under the authority of Aroe Mampoe, likewise also Lapetapij, yet with this distinction, to place the latter in irons as being insane in bouts; provided that Arou Ta at Maros had to be ordered to apprehend the accomplices of Lapetapij and send them hither bound. Whereupon the king, turning to the interpreter and the Captain Malay, said, go now back to my brother and report what you have heard, with my greetings, and say further that I particularly thank him for the consideration which the governor has shown for my person, and that the necessary orders against such excesses will be issued. About the same time all these aforesaid matters occurred, another case came to light, which I initially feared would be followed by much trouble, headaches, and writing, because the subjects of the province of Polembangkang had already complained repeatedly that the Jennang newly appointed by the king over Ballo, a village situated on the borders of the said province and which the Company many years ago had merely ceded on loan to the king of Bonij, laid claim to twenty-nine villages which he said belonged under the said Ballo. I found myself initially a little embarrassed, until after much searching I found that in the year 1708, by King La Petauw, the same claim, or actually indeed thirty-six villages, had been demanded, and that dispute had been continued with much fierceness by the governors Elberveld and van Tol and had lasted for more than four years, but at that time had been smothered by a coincidence, the Company remaining in peaceful possession until today, when such things well up again. and After 83 From Maccasser the 20th of October 1755 From Maccasser the 20th of October 1765: After I had then sufficiently discovered how matters stood with this, I also ordered the Captain of the Malays on the aforesaid day to converse with the king at length on this matter and to demonstrate the groundlessness of that claim, giving him for that purpose in writing the whole context of this affair, with the further addition that I wondered all the more about that claim, since from the Company's papers it appeared that in the first times of the conquest of Poelembangkeeng the village of Ballo was ceded to Bonij's king only on loan, and Their High Nobilities in an honored separate missive under date of the 17th of March 1710 expressly ordered and instructed the governor that the said claimants shall be left nothing other than what was formerly granted to them, and above all nothing of what had been so peacefully possessed for so many years by the Company's subjects and conquered by the Company with the sword at the cost of much blood; without my having been able to discover anything to His Highness's advantage after having inspected and summarized all the old papers relative to this matter; and therefore I had him politely requested that the aforesaid Jennang might be ordered to remain satisfied with what his predecessors had possessed for so long without any dispute, without coming forward with similar pretensions any more; that furthermore His Majesty would moreover be pleased to take into consideration his advanced age which advised him to rest, and how disagreeable it would appear to Their High Nobilities if they were to learn that after a lapse of nearly sixty years a claim was dug up which at that time was already debated and refuted with so much foundation that after a four-year dispute the Company triumphed and has remained lord and master of it until now, and will also never tolerate that [illegible] Here [illegible] to me with the 85 From Maccasser the 20th of October 1765 From Maccasser the 20th of October 1765: the Captain Malay upon his return that the king had answered: my brother the governor is right, I am too old to rack my brains with such ticklish questions, and I also readily believe that what is said is the truth, as it is recorded in the Company's papers, yet the governor also knows well that I must do something to satisfy the Bonijers, but tell him that I will order the Jennang to leave Ballo as it has been; but if an interpreter is sent thither on behalf of the Company, I request that an envoy of Bonij goes along to determine the boundaries. This last request of the king not pleasing me at all, I sent the Captain of the Malays back to him with orders to tell the prince that it seemed best to me if the king abandoned that, since it would only give rise to new disputes, and furthermore to show a map of the entire district, neatly demonstrating how the boundaries there had already been drawn long ago, and that pursuant to that no more land was annexed to the village of Ballo than barely enough from which its inhabitants could find their livelihood; that I nevertheless assured the king of the Company's good disposition, and that it was not a matter of a piece of land more or less to cede it to His Highness on loan during his lifetime, were it that one could be certain that after the demise of His Majesty, who had now already reached such an advanced age, no evil use would be made of this grant; wherefore I then requested again to leave those matters as they are now, and to be content with what the Company has ceded to His Highness's predecessors. Upon this the king declared himself to be satisfied and promised to take care that no further disputes would arise over this matter any more; however he requested, [illegible] the

Dutch transcription

A. Maccasser den 20:' october 1765 Van E Maccasser den 20: october 1765 Van binnen landen te senden ten Eijnde aldaar te ver„ „blijven onder het gesag van Aroe Mampoe insgelijx ook Lapetapij dog met dit onderscheijd om den laatste als bij vlaagen kranksining sijnde in de boeijens te sluijten mitsg:s dat aan Arou Ta tot maros zijnde moest werden g'or„ „donneerd om de Complicen van Lapetapij opte vatten en gevleugeld herwaarts te zenden waar na den koning sig keerende na den tolk en Cap:t maleijer zeijde gaat nu te rug na mijn broeder en doed Rapport van het geene gij gehoord hebt onder mijne groete en zegdwij„ „ders dat ik in 't bijsonder bedanke voor de Consideratie die den gouverneur heeft laaten blijken voor mijn persoon mitsg:s dat de nodige ordres teegens sodanige buijten sporig„ „heeden sullen gesteld worden Omtrend ten zelven tijde alle deeze voorsz: stukjes sijn voorgevallen quam een ander geval op de baan dat ik in den beginnen vreesden van veel moeijten hoofdboeckens en schrijvens soude sijn gevolgd geworden want de onderdanen van de provincie polembangkang hadden al te meermalen gedoleert dat de nieuw„ „lings door den koning aangestelden Jemang over Ballo een negorije op de grensen van gem: pro„ „vincie leggende en die de Comp: voor lange Jaa„ „ren aan den koning van bonij sonder meer ter leen afgestaan had pretensie maakten over neegen en twintig stux Negorijen die hij seijde onder gem: ballo te gebooren: Ik vond mij in den beginne een weijnig verleegen tot ik na lang soekens vond dat in het Jaar 1708: door den ko„ „ning La petauw deselve Eijsch of eijgentlijk wel ses en dertig negorijen gevorderd en dat dis„ „put met veel hevigheid door de gouverneurs Elberveld en van Tol voortgeset en wel meer als vier jaaren geduurt had dog te dier tijd door een toeval gesmoord was blijvende de Comp: in de geruste besitting tot heeden dat sulx weder komt op wellen. en Na 83 Van Maccasser den 20:' October 1755 Van Maccasser den 20:' october 1765: Na dat ik dan genoegsaam ontdekt had hoe„ „danig het hier meede geleegen was heb ik ten voorsz: dage den Cap:t der maleijers ook geordonneerd den koning hier over wijd„ „lopig te onderhouden en de ongefundeerd „heid van die pretensie aan te thoonen geven„ „de hem ten dien eijnde in geschrifte de gantsche t' samenbang van deeze saak meede met verdere bij voeging dat ik mij te meer over die pretensie verwonderde dewijl het bij sComp:s papieren quam te blijken dat in de eerste tijde der overweining van Poelembangkeeng de Negorije ballo aan bonijs koning alleen ter leen was afge„ „staan en Haar Hoog Edelheedens bij g'eerde ap„ „parte missive sub dato 17: maart 1710: aan den gouverneur wel uitdrukkelijk hebben gelast en aanges:) dat ged=te pretendenten niets anders sal werden overgelaaten dan het geene haar voormaals vergunt en voor al niets van het geene door sComp:s onderdaanen soo veele Jaaren zoo vreedig besleeten en door de Comp: met het swaard ten kosten van veel bloed overwonnen was sonder dat ik alle oude papieren tot deeze saak relatief nagesien en geresumeert hebbende iets tot sijn hoogheids voor deel hadde kunnen ontdek„ „ken en dierhalven verindelijk liet versoeken dat voorsz: jennang mogt werden g'ordonneerd sig te vreede te moeten houden met het geene sijn voor„ „laaten sonder eenig disput soo lange beeleeten hebben sonder niet soortgelijke voorgeevens meer voor den dag te koomen dat wijders sijn majesteit daar en boven in aanmerking gelievde te neemen sijn hooge jaaren die hem de rust aanraaden en hoe onaangenaam het haar hoog Edelheedens soude te vooren komen als hoogst deselve quamen te verneemen dat na verloop van bij na sestig gaaren een pretensie wierd opgegraven die te dier tijd reets met soo veel fundament gedebat„ „teerd en wederlegd was dat na een vierjarig disput de Comp: getruimpheerd en tot nogtoe daar van heer en meester gebleeven is en ook nooijt dulden sal dat het groofd mord Hier beijde mij met den 85 Van Maccasser den 20: october 1765 Van Maccasser den 20:' october 1765: den Cap:t maleijer bij sijn retour dat den koning hadde g'andwoord mijn broeder den gouverneur heeft gelijk ik ben te oud om mij met sulke ne„ „telige questien het hoofdtebreeken en ik wil ook wel gelooven dat het gesegde de waarheid is sodanig bij sComp: papieren bekend staat dog den gouverneur weet ook wel dat ik wat doen moet om de bonijers te vreeden te stellen maar zigt hem dat ik den Jennang ordonneeren sal ballo te laaten soo als het geweest is: dog wanneer van weegens de Comp een tolk derwaarts werd gesonden versoek ik dat een sendeling van bonij meede gaat om de limiten te bepaalen dit laatste„ versoek van den koning mij gants niet behagende sond: ik den Cap:t der maleijers wederom na hem toe met last om den vorst te liggen dat mij best dagt den koning daar van afsag vermits het maar aanleijding tot nieuwe disputen soude geeven en wijders om te vertoonen en kaart van het gantsche landschap net aantooning hoedanig de Limiten aldaar reets voor lange gemaakt en ingevolge van dien aan de negorije ballo niet meer land annex was dan nauwlijk soo veel waar van dies be„ „woonders hun leevens middelen vinden konde dat ik egter den koning verseekerde van 's Comp: goede genegentheid en dat het deselve Juijst op een stukje land meer of min niet aan quam om aan sijn Hoogheid geduurende sijn leeren afte staan ter leen waare het dat men verseekert konde weezen dat na het overleijden van sijn majesteit die nu reets tot sulke hooge Iaaren was opgeklommen van deeze gefte geen quaad gebruijk wierd gemaakt weshalven ik dan als nog versogte die saaken te laaten sodanig dezelve nu sijn en zig te willen ver„ „genoegen met het geene de Comp: aan sijn Hoogheids voorsaeten heeft af gestaan Hier op stad den koning sig gedeclareerd ver„ „genoegd te sijn en sorge te sullen draagen dat er geen verdere disputen over deeze saak meer soude vallen egter verzogt bij beeter den

NL-HaNA_1.04.02_3157_0404 view scan ↗

English

From Maccasser the 20th October 1765 From Maccasser the 20th October 1765: — the Captain Moor, that in order to give the people of Boni no reason for dissatisfaction and to make them think that he decided everything with the Governor alone and without their knowledge, he wished to go to the Makkadangtana and likewise give them the necessary information about everything. The Captain of the Malays, informing me of the above upon his return, I sent him, as aforesaid, to the Makkadangtana and had him show to the same, while narrating the aforementioned history, the map of Poelembangkeeng, pointing out what belonged to the Company and what had been ceded to Boni in loan in former times. Whereupon that minister testified to knowing that Boni had no other land there than the aforementioned Ballo, and therefore could well confirm and be satisfied with the arrangement made in that regard by the Governor and the King. And thus this dispute, which could have had a long aftermath, has fortunately been brought to an end; and in order to ensure, as much as possible for me, that the same might not arise again, I had that entire province surveyed and made a small map of it, on which everything is clearly indicated. The duplicate whereof is respectfully offered to Your High Nobles for consideration, while a similar one has been delivered to the King of Boni and one placed in the secret chest, to which latter I shall add all that has occurred formerly regarding this matter, this and that being more extensively detailed in the separate daily register under the dates 8, 10, 12, and 13 July last. Meanwhile, I have not ceased constantly urging the Regent to pay the debt incurred in the Paneki war, until finally the Tommillalang was sent by him to the interior to collect as much as possible from the subjects there by way of tribute. And the same returned some weeks ago with a sum, as it is said, of over twelve hundred rix-dollars. From Maccasser the 28 October 1765: — From Maccasser the 20th October 1765: rix-dollars, of which I had no sooner been informed than I had demands made again once more, but received as an answer that the money brought along consisted of small coin, but so old that it could not be spent here at the Castle; that they therefore would first exchange it at a loss for rupees and then bring it to me. With which I have had to be satisfied for the present, because, the money having been shown to me, I truly found that such was the case with it. Some time ago, or rather shortly after my return from Maros, the King informed me that the very famous and restless Arou Paneki, according to reliable reports from the interior, had passed away, on which I had the Prince congratulated, who had me thanked for it, being very pleased and truly rejoiced over it. I was also pleased because much confusion has arisen again in the kingdom of Soping through the acts of violence of the Poenlipoe /:Viceroy:/, son-in-law of Boni's King, who, in contempt of what was promised in writing last year in a solemn contract by all the dignitaries of the realm together, refuses to carry it into execution, or at least makes not the slightest move towards it; which has provoked the King as Datoua of that realm again, sending word to me that in case no change occurred in that regard, he wished to abdicate the crown. I have for the present calmed him down as much as possible in that regard, and requested, since he informed me that he had summoned some of the principal grandees of that kingdom hither, to await their arrival and hear what they had to present; whereby he having become somewhat appeased again, those people finally arrived at this Castle and were sent by the King to me under the escort of two Boni ministers, who, being questioned by me as to the reasons why they had not strictly maintained and carried out the promises made in my presence to the King of Boni on the 2nd February of the past year.

Dutch transcription

87: Van Maccasser den 20:' October 1765 Van Maccasser den 20:' October 1765: — den Cap:t maleijer dat denselve om de bonijers geen reeden van misnoegen te geeven en te doen denken dat bij alles met den gouverneur alleen en buijten haar kennisse beslisten na den makkadangtana wilde gaan en deselve meede van alles de nodige onderregting te geeven Den Cap:t der maleijers mij van dit bovenstaan„ „de bij sijn te rug komst kennisse geevende heb ik hem ten voors: zijnde na de makkadang„ „tana gesonden en aan den zelve onder het verhaal van de voors: Historie laaten ver„ „toonen de kaart van Poelembangkeeng met aanwijzing wat de comp: toequam en wat aan bonij ter leen in voorige tijden was afgestaan waar op dien minister be„ „tuijgde te weeten dat bonij aldaar geen ander land hadde als het voors: ballo en dierhalven sig wel te kunnen Confirmee„ „meeren en vergenoegen met de schikking die daar omtrend door den gouverneur en den koning gemaakt was en dus is deeze questij die van een lange na sleep had kunnen sijn gelukkig ten eijnde gebragt; en om soo veel mij moge„ „lijk is geweest te sorge dat deselve niet weder mogte opkomen heb ik die gantshe provincie laeten visiteeren en daar van gemaakt een kaartje waar bij alles duijdelijk bekend staat waar van de weder gade vw Hoog Edelheedens met Eerbied werd aangeboden tot spe„ „culatie termijl en diergelijk aan de koning van bonij afgegeeven en eene in de secreete casse gelegd is bij welke laatste ik sal voegen al het geene over attaire „die (wel eertijds is voorgevallen sijnde dit een en ander nog wijdlopiger uit gebreijt bij het apart dag„ „register de datis 8: 10: 12: en 13: Julij Longstleeden Ondertusschen heb ik niet opgehouden gestadig den rijxbestierder aan te maanen tot de betaaling der schuld in den oorlog van panekij gemaakt tot dat eijndelijk den Tommillalang door hem is gesonden na de binenen„ „landen om van de onderdaanen aldaar bij maniere van schatting in te vorderen so veel mogelijk was en is denzelve voor eenige weeken te rug gekeert met een somma na men segd van ruijm twaalf honderd questij rijxdaalders 89 Van Maccasser den 28 October 1765: — Van Maccasser den 20:' october 1765: rijxdaalders waar van ik soodra niet g'informeerd was of ik heb weder eens laaten aankloppen dog ten andwoord gekreegen dat het meede gebragte geld bestond in paijement dog zoo oud dat het hier aan het Casteel niet konde uitgegeeven worden datze dierhalven het eerst met verlies soude verwisselen in roppijen en het mij dan brengen waarmeede ik mij voor eerst wel heb moeten te vreeden stellen om dat het geld mij vertoond zijnde ik waarlijk hebbe bevonden dat het sodanig daar meede gesteld was; voor eenige tijd ofte eijgentlijk kort na mijn van retour,/maros liet mij de koning weeten dat den zoo zeer vermaarden en onrustigen Arou Panekij volgens secuure berigten uit de binnen landen overleeden was waar meede ik aan den vorst liet feliciteere die mij daar voor liet bedanken zijnde daar over seer wel in zijn schik en verblijden waarlijk ik ook om dat 'er weder in het rijk van soping veel verwarring gereezen is door de gewelden arijen van den poenlipoe /:onderkoning:/ schoon zoon van bonijs koning die met veragting van het geene voorleeden Jaar bij een plegtig contract door de gesa„ „montlijke rijxgrooten schrieftelijk beloofd is, weijgerd ter uitvoer te stellen of ten minste daar toe geen de minste beweeging maakt het geen den koning als datoua van dat rijk weder in 't harnas heeft gejaagd mij laatende seggen dat ingevalle daar omtrend geen verandering quam hij de kroon wilde quiteeren ik heb hem voor eerst daar omtrend soo veel mogelijk ter neder gesteld en versogt ver„ „mits hij mij liet weeten eenige der voornaam„ „ste grooten van dat rijk herwaarts te hebben ontbooden tot haare komst te wagten en te hooren wat zij hadden in te brengen waar door dan weder eenigsints bedaerd sijnde quamen eijndelijk die menschen aan dit Casteel en wierden koning bij mij gesonden onder geleijde van twee bonijse mi„ „nisters de welke dan door mij afgvraagd seijnde de reedenen waarom sij hunne gedaen beloften ten mijnen presentie aan den koning van bonij op den 2:' febr: des voorleeden Jaers gedaen met stiptelijk hadden onderhouden en uijtge„ voorleden voerd

NL-HaNA_1.04.02_3157_0406 view scan ↗

English

From Maccasser, 20 October 1765:— From Maccasser, 20 October 1765:— the soele datour replied that they had been unable to do anything; that upon their arrival in soping they had immediately handed over the copy of the aforementioned contract to the poenlipoes and also made known to him their promises made therein, requesting that he promptly execute it, but that he, poenlipoes, had only received and answered the matter casually without carrying out anything, simply dragging everything out until he, soeledatoua, again went to him and presented the aforementioned contract anew, as well as requested, not with much eagerness, the fulfillment of the promises he had made; he, poenlipoes, as aforesaid, behaved just as indifferently in this matter and made not the slightest move, but that on the contrary his people daily committed all violence and brutality without mercy, to the ruin of the land and the inhabitants, having already raided and plundered three negorijen. Here I asked the sopingers whether they did not know how to employ means against this, since the Pinlipoes was no datour (king) but only a viceroy. To this I received the reply that because they had received no other orders from the king, the datoua Re-sopping, than merely to instruct him, Poenlipoes, with all discretion regarding his unreasonable conduct, they could take no other measures and, being poor people, could not go against the orders of the king. Thereupon I asked them why they had not made known matters of so much importance immediately, before it had gone so far, and to that they replied that that was why they had now come forward. I made no further declaration on this, but told the gallarrang boutualak that he could report everything to the king. From Maccasser, 20 October 1765:— From Maccasser, 20 October 1765:— After this a brief silence followed, until doing so, while in the afternoon I went to the king to make known to him that I believed I could see no better means to quell the unrest than to summon the poenlipoes or else to grant the sopingers freedom to force him to govern well. But in this the prince found no difficulty, letting me know that, considering this matter was of great importance and could entail many troublesome consequences, he requested that the junior merchant Voll might visit him. I sent him thither the next day with orders to sound out the king's disposition. In the evening I received a report from him that, upon his arrival, His Highness had said with vehemence, "I do not want to bear the burden alone if the land of soping falls into turmoil; they themselves are indeed capable enough of directing their affairs, for if these disturbances continue in this manner and the poenlipoes acts as if he is indeed the datoua king, then I do not want to endure it any longer." Voll, seeing that His Highness had calmed down somewhat, told him that I had maturely considered and taken into account this matter upon further deliberation; that if one were to summon the poenlipoes hither, it was to be feared that he would refuse, and should he resolve to come and bring all his following, what one would then do; on the other hand, whatever these assembled sopingers might carry out against their superior, that I, just as little as the king, wished to be held responsible for the bad consequences that might arise from either course, being well able to realize that there were more people involved who incited the poenlipoeh to evil and secretly sought to throw affairs there into confusion, for he, poenlipoes, through the marriage of his sister to the datoua pamana, had already drawn such power to himself that everyone feared him, so that His Highness could easily perceive what the situation was.

Dutch transcription

Van Maccasser den 20:' October 1765:— Van Maccasser den 20:' October 1765:— „voerd so gaf den soele datour ten andwoord dat zij sulks niets hadde kunnen doen zijl „dinge zij lieden „ in soping komende al aanstonds bij baar arrivement de Copia van het voorsz: Con„ „tract aan den poenlipoes hadde overgegeven en aan hem meede te kennen gegeven haare daar bij gedaane beloften met versoek het zelve promtelijk te willen uijtvoeren maer dat hij poenlipoes het een en ander maar Clauitjes aangenomen en beandwoord hadde sonder iets uijt te voeren alles maar sleepende houdende 1„ hij tot „ soeledatoua sig weder bij hem vervoegd en het voorsz: Contract de Noto voorgehouden mitsgaders als nog niet veel empressement versogd hebbende om de vervulling van here ge„ „daane beloften hij poenlipoes: als voordegd in deeze zig even onverschillig gedragen en geen de minste beweeging gemaakt had maar ruine dat in tegendeel desselfs volkje tot ruijme van het land en de Inwoonders sonder schoon alle geweld en brutaliteijt dagelijks quamen te begaan, hebbende reeds drie negorijen afge„ „stroopt en geplunderd „hier vroeg Ik versoek de sopingers, op of ze danr geen middelen hier tegens wisten te gebruijken dewijl den Pinlipoes: geen datour /:koning:/ maer eenelijk onder koning was, waar op ik ten and„ „woord kreeg, dat vermits sij van den koning als datoua Re-sopping geen andere ordres ontfangen hadden dan eenlijk hem Poenlipoes omtrend sijne onreedelijke behandeling met allees tagtsinnegheijd te onderregten zijl dan ook geen andere middelen konde bij der handneemen en als arme men„ „schen zijnde teegens de ordres van den koning aangaan, hier op vroeg ik haar waarom sij dan saaken van so veel belang niet ten eersten bekend gemaakt hadden eer en alvoorens het zoo verre gekomen was en daar op repliceeren zij dat zij daar om thans waaren opgekomen; Ik declareerde mij hier op niet verder maer seijde tegens den gallarrang boutualak dat hij aan den koning van alles rapport konde ter doen Van Maccasser den 20:' October 1765:— Van Maccasser den 20:' October 1765:— weesen hier op volgde een weijnig stilte tot dat doen, terwijl ik na de middag bij den koning Land voll siende dat sijn hoogheijd wat bedaerde hem seijde om hem bekend te maaken dat ik van gevoelen dat ik deese saak nadere overdragt rijpelijk over„ was geen beter middel tot stilling der onlus„ „woogen en in aanmerking genomen hebbende dat „ten konde sien als den poenlipoes: te ontbie„ ingevalle men als eens den poenlipoes: herwaarts „den dan wel de sopingers vrijheijd te geeven om lied ontbieden het te vreesen stond hij sulx soude hem tot een goede regeering te dwingen dog hier weijgeren en soo hij eens resolveerde te koomen in badde den vorst geen swaak maar liet mij Leg„ „gen dat aangesien deese saak van veel belang en alle sijn aanbang bragt wat men dan soude was en veel verdrietige gevolgen na sig konde doen aan de andere seijde wat deese opgeko„ „mene sopingers ook teegens hun meerder uijt„ sleepen, versogte dat den onderkoopman voll eens „voeren dat ik insgelijk so weijnig als den koning bij hem mogte koomen, dewelk ik dan sandern„ „daags derwaarts sond met ordre om een te niet verandwoordelijk wilde weesen voor de quade gevolgen die uijt het een ofte ander soude polden hoedanig den koning gesteld was, van wien kunnen voort komen, als wel kunnende beseffen dat ik dan davonds rapport kreeg, dat hij daar komen„ 'er meer in 't spel waaren die den poenlipoeh ten „de zijn hoogheijd met hevigheijd hadde gesegd, Ik quaden aansetten en bedektelijk de saken aldaar wil den laast alleen niet dragen als het land van traagten in verwoerring te brengen want hij soping in onlust raakt sij selfs sijn immers poenlipoes: door het huuwelijk van sijn suster met de genoeg in staed hare saaken te derigeeren wan als datoua pamana reets sodanigen magt bij sig had„ deese strubbelingen sodanig Continueeren en den „de getrokken dat elk daer voor schroomde soo dat poenlipoes ageerd als of hij in der daad datoua zijn hoogheijd ligtelijk konde bemerken het soeken maar koning is zig gedraag dan wil ik het niet langere weesen was

NL-HaNA_1.04.02_3157_0408 view scan ↗

English

From Maccasser, the 20th October 1765:— From Maccasser, the 20th October 1765: — was to direct it there lest the smoldering fire might burst into bright flames, and if it came to that, one would have great difficulties to expect. For all of which reasons the Governor could not find it advisable to employ the aforesaid means, but on the contrary advised His Highness, like a brother, to leave everything in the state in which it was and merely to keep it manageable until time should offer a better opportunity. And above all, he, the King, must by no means declare before the community that he wished to abdicate the throne of Soping, since the ill-intentioned would turn this to their advantage and easily resolve to subject him to the affront of deposing him, and thus bring the country to ruin through a fluctuating war that would arise from it. The King of Bonij, having heard this, gave as an answer that he was indeed willing to follow the advice given, provided that he, Voll, in his presence, would advise the Sopingers of what they had already told the Governor was their intention upon their return, and that they must promise such. For the King still had fresh in his memory examples of such a nature: that the Sopingers had even been capable of driving away their Datu, meaning thereby the dethroning of Aroupanjilie, the King's brother, whom they deposed in the year 1758 and chose him, the King, in his place, which was indeed the principal reason and cause that led to the war with Panekij. This request having then been granted by the Junior Merchant Voll, the Sule Datu finally replied that, upon arriving in Soping, they would make one more attempt to see whether they could persuade the Punlipu to better conduct and governance; and if he would not listen, they would separate themselves from him. From Maccasser, the 20th October 1765:— From Maccasser, the 20th October 1765: — Very well pleased that this matter had now concluded in such a manner and that the King had been thwarted in his project, which aimed at using the authority of the Company to remove the Punlipu from his office—for which he himself lacked the courage, as has become apparent on multiple occasions. For had he asserted his power in time, the Punlipu would not have committed such outrages; and to depose him now by force would result in a domestic war from which the Company would suffer the greatest inconvenience and disadvantage. I trust that Your High Excellencies will be pleased to crown this arrangement with your approval, while I shall now proceed to the court of Goach. There, the division grows ever greater and hatred increases against the present Regent, who directs everything according to his caprices and as it best suits his interests, without making the slightest move or giving any appearance of intending to anoint the King and place him upon the throne. Consequently, everything falls into confusion and no affairs can be transacted, to the great detriment of the subjects of both the Company and Bonij, who, unable to obtain justice, come daily to complain. Therefore, because I could clearly see that the deposition of the Regent would not take place for the time being on account of the discord among the courtiers, who have long murmured about it, I resolved—as I had already promised the King of Bonij on the 9th of April last—to send thither two members from the Political Council with written orders to inquire, on behalf of the Company as chief ally, into the reasons why the government was not handed over to the King, since he had long been qualified to assume it according to the laws. Which commissioners, upon their return, delivered to me a written report, solely containing that, having arrived at the court, they had found there the young King.

Dutch transcription

Van Maccasser den 20:' October 1765:— Van Maccasser den 20:' october 1765: — was om het daar hem te derigeeren dat het omeulende vuur in ligten vlan mogt uijt borsten en als het soo verre quaam soude men groote swarigheijd te verwagten hebben omme alle welke reedenen den gouverneur niet konde geraaden vinden om de voorsz: middelelie bij der band te neemen waer in tegendeel sijn hoogheijd aan raaden als een broeder om alles te laaten in de staet waar in het was en het maar zoo draagen te houden tot de tijt een betere geleegentheeden quaam te geeven en hij koning voor al sig geensints voor de gemeente moest declareeren om van de lopingse throon te willen afstand doen, dewijl de qualijk g'intentioneerden dit tot haar voor deel soude neemen en ligtelijk resolveeren om hem het affrond aan te doen van been afte setten en dus het land in 't verderf te brengen door een wissel valligen oorlog die daar uijt zoude spruijten Den koning van bonij dit aangeboord hebbende daar gassop tot andwoord dat hij den gegeven wel wilden op volgen mits dat hij voll in sijn presentie „ren Alle het welke mij gerapporteerd zijnde wasik de sopingers quam aan te raaden het geene Sijreetsaan, den gouverneur badden gesegd bij haar retour van Intentie te zijn en dat ze zulx moesten belooven also bij koning nog wel exempelen van de na„ „tuur versch ingebeugen had dat de Lopingers wel selfs zijn in staet geweest baaren datoua te ver„ „jaagen /: menende daar meede het de troneeren van Aroupanjilie des konings broeder die sij in den Jaare 1758: hebben afgeset en hem koning in desselfs plaatse verkooren het geene wel de principaatste reeden is geweest en aanleijding gegeven heeft tot den oorlog met panekij:/ Dit versoek dan door den onderkoopman voll ingewilligd sijnde diende de soele datoua daar op laastelijk tot andwoord dat zijl: in soping ko„ „mende nog eens een tentame soude doen om te onderstaan ofze den poenlipoes konde bemeegen na / tot een beter gedrag en regeering en daar niet wil„ „lende luijsteren soude sijn sig van hem de papie„ de zeer „ Van Maccasser den 20:' October 1765:— Van Maccasser den 20:' october 1765: — zeer wel te vreeden dat dit geval nu sodanig was afgeloopen en den koning gestruijt is geword in zijn project 't welk daer op doel om door het ont„ „sag van d' Comp: den poenlipoes van sijn ampt te ontsetten waar toe hij selve geen courage heeft gelijk te meer maalen gebleeken is mant had hij zijn tijd sijn magt doen gelden den poenlipoeE: sodanige buijten spoorigheeden niet hebben begaan en om hem nu met geweld te sluijten soude de ge„ „volgen zijn een Inlandsen oorlog waer van de Comp: het meeste ongemark en nadeel soude leij„ „den verloopende UW Hoog Edelheedens deese schikking zullen gelieven te bekroonen met der selver goedkeuring- terwijl weder sal overgaen tot het hof van Goach alwaar de verdeeldheijd hoe langs hoe grooter en den haet vermeerderd word tegens den presen„ „ten rijxbestierder die alles na sijn Caprises en soo het best met sijn Intrest over een komt derigeert sonder de minste beweeging te ma„ „ken of scheijn te geven dat hij van Intentie is den koning te salven en op den troon te plaatsen waer door alles in verwarring raakt en geen saaken kunnen verhandeld worden tot groot nadeel der onderdanen soo wel van de Comp: als bonij die geen regt kunnende krijgen dagelijks koomen klaagen dier halven om dat ik wel dien konde dat het afsetten van den rijxbestierder nog voor ees't geene voortgang soude neemen uijt hoofden der oneenigheijd der hoevelingen die daar van de lange hebben ge„ „mompeld resolveerde ik soo als ik reets op den 9: „beteeft hadde twee April Iongstleeden den Koning van bonij „lieden beloofd hadde na derwaarts te senden twee leeden last uijt den politicque raad met schriftelijke „ om te vragen uijt name der Comp: als eerste bond„ „genoot na de reedenen waerom de regeering aan den koning niet wierd overgeven dewijl hij al voor lange volgens de wetten daer toe bevoegd was, welke gecommitteerdens mij bij haar re„ „tour een schriftelijk rapport overgeeven eene„ „lijk behelsende dat zij aan het hof komende aldaar gevonden hadden den Iong koning is de van

NL-HaNA_1.04.02_3157_0410 view scan ↗

English

From Maccasser the 20th of October 1765: — From Maccasser the 20th of October 1765: — From grandees of the realm, except for the regent of the realm, that they had paid the aforementioned compliment to the first-mentioned, and in reply to this had received the answer that they knew very well that the young king, for the reasons alleged by the commissioners, ought to have assumed the government long ago and that the same would also have been transferred to his highness, were it not that the country, through the great famine, lay plunged in the utmost sorrow, so that the people had had to disperse far and wide to seek their livelihood; that they were furthermore obliged to the Company for this solicitation and would by no means fail to place their king upon the throne as soon as practically possible, with the assurance that they already rendered him all such submissive acts of deference as subjects are obliged to do for their king; so that the one and the other, if desired, can be further viewed in the written instructions issued to the said commissioners dated the 22nd of May, per their report dated the 23rd following. Having given notice of this to the king of Boni, the matter remained as it was for the time being, until the junior merchant Voll came to inform me that his majesty had had him requested to come to him, for which I granted him permission; upon his return I received report that his highness, after some preceding discourse, had asked whether his brother, the governor, had not heard that Batavia Goa had declared his intention to abdicate the crown of Macassar because he was not treated properly, nor was there given to him that which was due to a king; and that upon the rumor thereof the regent of the realm had betaken himself to him, Batavia Goa, saying: what do I hear, does the king wish to abdicate the realm, when I, solely for the sake of your highness, have taken upon myself the office of regent and the weight of the government? If so, then I also wish to abdicate my office; whereupon the king had answered that the regent should then convene all the grandees of the realm and Macassars, to whom he would then make known his grievances. From Maccasser the 20th of October 1765: — From Maccasser the 20th of October 1765: — grievances; but that the regent had replied: what will it help to call the Macassars together, they will surely not vote against me, and therefore it will be enough that his highness merely makes this known, and could be assured that his request would gladly be granted. The junior merchant Voll having declared hereupon that I had not yet heard anything of this, said he would make a report of it to me, as also happened; whereupon I took the resolution to let this matter take its course, to see what would come of it, but hearing nothing further thereof, save that things were going from bad to worse at that court, it seemed advisable to me to put an end to it if possible; on which account I expressly went to pay a private visit to Boni's king on the 28th following, when, among other matters, I asked his majesty whether he had heard anything further from the court of Goa; he answered me no, except that everything there was proceeding in a very disorderly manner, as the regent was practicing all sorts of violent oppressions and not the least preparation was yet being made for the coronation; I said that this latter nevertheless necessarily had to take place, so that the contracts might be sworn to and the government established on a firm footing, and that I had therefore now come to devise a means with his majesty so that this might take effect; this having then been discussed at length, it was judged that there were only two means for it, namely that the young king of Goa address himself to the king of Boni to make his grievances known to him, and to request that the necessary arrangement might be made in this by the Company and Boni, or else that Batavia Goa address himself directly to the Company; the king of Boni declaring that it was all the same to him and to the Goan

Dutch transcription

99 Van Maccasser den 20:' October 1765: — Maccasser den 20:' October 1765:— Van „iers ryksgrooten, behalven ven rijks bestrerder dat se aan de eerstgem: hadden gedaen het voors Compliment en daer op ten aandwoord hadden gekreegen dat zij zeer wel wisten de Iongen koning om de door de gecom„ „mitteerdens g'allegueerde reedenen de regeering al lange hadde behooren in houden te hebben en ook dezel„ „ve aan zijn hoogheijd zoude zijn overgegeeven waare het niet dat het land door de groote hongers nood in de uijtterste droesheijd gedompeld lag zoo dat het volk sig wijden zijd zig hadde moeten verspreijden om haare kost te soeken dat ze wijders de Comp:e ver„ „pligt waeren voor dese aansoeking en geensints in gebreeken zoude blijven haaren koning soo spoe„ „dig immers doenlijk op den troon te plaetsen onder versekering dat zij nu reets hem alle soda„ „nige onderdavige onderdanigheeden beweesen als onderdanen verpligt sijn aen haaren koning te doen invoegen het een en ander desgelievende nader kan werden beoogd bij de aan gem: gecommit„ „teerde g'intrageerd schriftelijke Instructie van den 22:' Meij p:r haar Rapport ged:t den 23:' daer aen Hier van den koning van bonij kennisse gegeeven heb„ „bende is het voor eerst daer bij gebleeven tot dat mij den onderkoopman voll: quam bekend maaken dat zij majestijt hem had laaten vragen bij hem te koo„ „men waer toe ik hem permissie gaf ontfing bij sijn retour rapport dat zijn hoogheijd na eenige voor af„ „gaande discoursen gevraagd had of zijn broeder den gouverneur niet hadde vernomen dat batavia Goa zig hadde gedeclareerd te willen afstand doen van de maccassaarse kroon om dat hij niet na behooren behandeld en ook niet aan hem gegeeven wierd het geen koning toequaam en dat op het gerugt daar van den „ vervoegt rijxbestierder zig bij hem batava goa „ hade zeggende wat hoor ik wil den koning van het rijx afstand doen daar ik alleenig om de wille van uw hoog„ „heijd het ampt van rijxbestierder en het gewigt der regeering op mij genomen habbe. zo zo dan „abstand 29 wil ik ook „ doen van mijn ampt waar op den koning g'andwoord hadde dat hij rijxbestierder dan bij een soude laaten koomen alle de rijxgrooten en Maccassaren aan de welke hij dan zijn beswaar„ Hier „nisse 101: Van Maccasser den 20: october 1765:— Van Maccasser den 20:' October 1765:— nisse soude te kennen geeven dog dat den rijxbestier„ „der hadde gerepliceerd wat zal het helpen om de maccassaren bij een te roepen sij sullen dog boven mij niet stemmen en dierhalven zal het genoeg sijn dat sijn hoogheijt dit maar alleen te kennen geeft en versekert konde weesen sijn versoek gaerne soude toegestaan worden. Den onder koopman voll hier op betuijgd hebben de dat ik daar van nog niets gehoord had zeijde mij daar van Rappoort te zullen doen gelijk ook geschiede waer op ik het besluijt nam deeze zalde sijn gaang te laaten gaan om te zien wat 'er van komen soude dog niets verder daar van hoorende naer wel dat het hoe langer hoe erger aan dat hof toeging dagt het mij raadsaam daar van een eijnde soo het no„ „gelijk was te maken weshalven ik expres daerom een particuliere vidite bij borijs koning ging afleggen op den 28: daer aen „wanneer ik onder andere sacken zijn ma„ „jesteijt vroeg of hij niets nader van het goede hof hadde vernomen soo andwoorde bij mij van neen als dat alles aldaer zeer ongereegeld toevoeging alsoo den rijxbestierder alle soorten van geweldenarijen oeffende en er nog geen de minste opreparatie tot de krooning wierd ge„ „maekt ik zeijde dat dit laatste egter noodsake„ „lijk diende te geschieden op dat de Contracten mog„ ten beswooren en de regeering op een vasten voet gebragt werden en dat ik dierhalven nu gekoo„ „nen was om met zijn majesteijt een middel te beraamen dat sulx gevolg nam hier over dan weijd en breed gehandeld zijnde wierd g'oordeelt dat er maar twee middelen toe waeren namentlijk dat den Jong koning van goach sig ardresseerde bij die van bonij om sijn beswaarnis aan den zelve te kennen te geeven en te versoeken dat door de Comp: en bonij in deeze de nodige schik„ „king mogt werden gemaakt dan wel dat batavia goach sig aan de Comp: direct addresseerden betuijgende den koning van bonij dat het hem om het eeven was en het goase aan

NL-HaNA_1.04.02_3157_0412 view scan ↗

English

From Maccasser the 20th October 1765: From Maccasser the 20th October 1765: left to me which means I preferred, whereupon I told him I would give my thoughts to the matter and let his majesty know such the following day, as I, having then also maturely considered the same, thought it best to choose the first means and to let the king of Bonij proceed therewith, who also accepted such with the addition that he would employ Aroe Palacca, the grandmother of Goa's king, for that purpose, and in the meantime depart for Maros for a few days to see the preparations made for the celebration of a feast that he wished to give on the occasion of the tooth filing of some of his grandchildren. From Bouton no vessel has yet appeared, so that I can report nothing of the condition of that realm; however, I live in hope that the long-expected embassy will arrive shortly and the contract with that nation will be renewed, while of Mandhaer there is also not much to report, other than that a few weeks ago some envoys from the maradia Bellanipa arrived at the court of the king of Bonij, who, giving notice thereof, requested to have them brought into the Castle, since they had a message for me. Which then being accepted, they made known to us that their maradia, now having not bothered to maintain the contracts for two years, they had resolved to reject him and to choose one Laroempa in his place, who they did not doubt would better heed the Company's orders, and that they had been sent hither not only to make such known, but also at the same time to request that there might be surrendered to them the Mandharese man who had been apprehended there two years ago by the crew of the ship d' Batavier wrecked near the island Kalekonkong, From Maccasser the 20th October 1765: From Maccasser the 20th October 1765: on the occasion that a Mandharese vessel calling at the aforementioned island had taken two of the said crew members along with promises of bringing them hither, but had taken flight with them, without one having received the least news of those people to this day; to the end that their aforementioned king would be able, by means of this prisoner, to have indications made in Mandhaer as to where his comrades belonged, under further protestations that they had already taken much trouble to know where the aforementioned Europeans had ended up, though fruitlessly. Whereupon I gave them as an answer that I considered the appointment of a new maradia as communicated, but could not recognize him before he came in person to swear to the contracts, and as far as the request was concerned, that I would not consent thereto before and until the two European sailors were delivered to me, and if the same did not appear within a few weeks, I would have the said prisoner clapped in the long chain; and so that they might know how the matter stood, I had the prisoner brought before them to state the names and dwelling places of his comrades. Furthermore, I said to them that it seemed as if the Mandharese had already forgotten that the Company resided at Maccasser; at least such had become sufficiently evident for some years now through their illicit navigation and smuggling trade; that I advised them to change their conduct and no longer try the patience of the Company, or they could be assured that all their vessels encountered outside the permitted From Maccasser the 20th October 1765: From Maccasser the 20th October 1765: route would be made prize of and the people clapped in chains for all their lives. To this they had no reply, but remained silent, and after sitting a little longer I let them depart. Having in my recent respectful letter of the 15th September detailed to Your High Right Noblenesses the state of affairs on Sumbauwa, I have nothing further to add thereto, except that having received private news a few days ago that the relief of men, ammunition, and provisions has arrived safely at the gathering place Papekat, I daily await news of how it has turned out. It should be noted that in my recent visit to the king of Bonij it appeared to me that his majesty seems somewhat to believe that his envoy to that realm to make an accommodation has done more harm than good, according to what is noted in the separate daily register of the 28th September, to which, to avoid prolixity, I take the liberty to refer; and furthermore regarding Bima, to note briefly that according to the recent reports of the Resident Bakker, that petty potentate had raised some difficulties regarding the satisfaction of his debt and also regarding the acceptance of rupees, saying he did not owe as much as the resident had charged to his account; however, the latter was ordered by resolution in council of the 15th July to continue to insist on full payment, and to that end an account of everything was sent to him with orders to make such known to the king, and at the same time it was ordered to advance that petty potentate no more money beforehand, as well as to recommend that he accept the Company's money according to the contracts, as it has always been current, not doubting that that dispute will also end well therewith, particularly now that news has arrived at the said island

Dutch transcription

103 Van Maccasser den 20:' October 1765:— Van Maccasser den 20:' october 1765: — aan mij liet wat middel ik verkoor waer op ik hem seijde mijne gedagten daer over te zullen laten gaen en 's anderdaags sijn majesteijt sulx zouen laeten weten soo als ik dan ook het zelve rijpe„ „lijk overwoogen hebbende het mij best dag het eerste middel te kiesen en den koning van bonij daar mede te laaten begaan die sulx ook aan nam met bijvoeging dat hij daar toe Aroe palac„ „ca de groot moeder van goas koning soude eme„ „ploijeeren en ondertusschen na maros voor eenige dagen vertrekken om de preparatie te zien maeken tot 't vieren van een feest dat hij wilde geven terge„ „leegentheijt van het tande slijpen van eenige sijner kinds kinderen van Bouton is nog geen vaartuijg opge„ „daagd soo dat ik van de gesteldheijt van dat rijk niets kan melden egter leeve ik in hoope dat het lang verwagte gesantschap binnen korten aankomen en het Contract met die natie vernieuwd werden zal ter „wijl van Mandhaer ook niet veel vald te melden als dat voor eenige weeken opkomen sijn eenige afgesondene van de maradia Bellanipa bij den koning van bonij die daar van kennisse geevende versogt baar in 't Casteel te laaten brengen vermits sij een boodschap aan mij hadden het geene dan g'accepteerd sijnde geeven ze wij te kennen dat haaren maradia sig nu sederd twee Jaaren niet meer gestoort hebbende aan het onderhouden den Contrac„ „ten zij geresolveerd hadden hem te ver„ „werpen en eenen Laroempa in desselfs plaets te verkiesen die niet twijffelde of soude beter sComp: beveelen in agt neemen en datze herwaarts waeren ge„ „sonden om sulx niet alleen bekend te maken maar ook teffens te versoeken dat aan haar mogt werden overgegeven den mandbarees die door de scheepelingen van het bij het Eijland kalekonkong Wandbaaa vergelukke - 185 Van Maccasser den 20:' October 1765:— Van Maccasser den 20:' october 1765: vergelukke schip d' batavier voor 2: jaaren aldaar g'apprehendeerd was ter gelegentheijt dat er een mandbarees vaartuijg voorm: Eij„ „land aangierende twee van ged:t scheepelin„ „gen meede genomen hadde met beloften van zee herwaarts te zullen breng en dog daer meede de vlugt hadden genomen sonder dat men tot heeden geen de minste tijding van die menschen hadde gekreegen ten eijnde voorm: hunne koning zoude kunnen in staat geraakende door deese gevangene op de mandbaer aan wijsinge te laten doen waer sijne makkers Thuijs hoerden onder verdere betuijging dat zijl: reets veel moeij„ „te hadden aangewend om te weeten waer de voorsz: Europeesen beland waaren dog vrugte „loos waer op ik haar ten andwoord gaf dat ik het aanstellen van een nieuwe ma„ „radia voor gecommuniceerd hield maer verkennen hem niet konde „ voor hij in persoon quaam om die Contracten te besweeren en wat het versoek betroff dat ik daar in niet zoude toestemmen voor en al eer mij de twee Europeese mattroosen wier„ „den geleeverd en wanneer deselve niet binnen eenige weeken quamen op dagen ik den ger: gevangene in de lange ketting soude laaten klinken en op datze mogte weeten boe„ „danig het met de zaek geleegen was liet ik den gevangen voor haer brengen en opgeeven de namen en woonplaatse van sijne mak„ „kers Wijders heijd ik teegens haar dat het scheen als of de mandhareesen al vergeeten waeren de Comp: op maccasser logeerde ten minste was sulx nu eenige jaaren genoeg komen te blijken door haer ongepermitteerde vaert en smok„ „kel handel dat ik haar aan raeden van gedrag te veranderen en het geduld van de Comp: niet meer te tergen of dat ze verzeekert konde weesen dat alle haare vaartuijgen die men ontmoeten buijten de gepermit„ en teerde, Van Maccasser den 20:' October: 1765:— Van Maccasser den 20:' October 1765: teerde route soude prijs maaken en het volk in de ketting doen klinken voor al kaar leeven Hier op hadden zij geen replicq maer sweegen stil en na nog een wijnig sittens liet ik baar vertrekken Bij mijne Iongste eerbiedige lettere van den 15:' Jber VE: hoog Edelheedens omstaendige be„ „deeld hebbende den staed der saeken op Sumbauwa soo heb bij ik niets naders daer bij te vol„ „gen als dat ik voor eenige daagen parti„ „culiere tijding gekreegen hebbende dat het se„ „cours van volk, ammotie en vivres behouden op de versamelplarts papekat g'arriveerd seij„ „de dagelijk tijding vernagt hoedanig het is af zijn te noteeren dat mij in mijne Iongste visite bij den koning van Bonij is te vooren gekomen zijn majesteijt eenigsints schijnt te gelooven dat zijn afgesondene na dat rijk om een accommodement te treffen meer quaad goedsgedaen heeft volgens het genoteerde bij apart dagregister van den 28: Jber: waar aan ik mij om lang wijligheijd te vermeijden de vrijheijd neeme te gedragen en wijders omtrend. Bima kortelijk noteeren dat volgens de Iongste berigten van den Resident bakker dat potentaatje omtrend de voldoening van sijn debet en ook weegens het accepteeren van ropijen enige swarigheeden hadde gemaakt seg„ „gende so veel niet schuldig te zijn als den resi„ „dent hem hadde in reecq: gebragt dog het is aen den laetste bijgemeene resolutie van den 15: Julij g'ordonneerd op de volle betaaling te blij„ „ven aanhouden en ten eijnde hem overgesonden een reecq: van alles met ordre om sulx den koning te kennen te geven en teffens g'ordonneerd aan dat potentaatje geen geld meer voor uijt te verstrekken mitsg:s te recomman„ „deeren om volgens de Contracten 's Comp: geld te accepteeren sodanig als het altoos gang„ „baar is geweest niet twijffelende of dat dusput sal daer meede wel eijndigen voor „namentlijk nu ten gem: Eijlande tijding gekomen aan is

NL-HaNA_1.04.02_3157_0415 view scan ↗

English

109 From Maccasser the 20th October 1765 From Maccasser the 28th October 1765 is that war is beginning to break out again on the Manggarai, and the Makassarese are strongly engaged in regaining the lost Rheo, having, as the Resident says, the subjects of that place on their side because their new Master treated those people somewhat too harshly and thereby made them recalcitrant, regarding which no redress can be made before Sumbawa is completely at peace again. Regarding the other small kingdoms, there is nothing particular to note, other than that matters concerning foodstuffs are very bad there, though far worse still on Saleijer, where furthermore mortality still continues and rather increases than decreases, according to the writings of the Resident, who, having arrived at this Castle at the beginning of this month together with the regents and the commoners, gave me in person such a description of the impoverished state of those inhabitants that it is painful to hear, those poor people mostly having to feed themselves with roots that grow in the ground in the forest and tree bark, since the crop of batting is very slight because it has not rained for almost a year, and they cannot get rice or paddy to cook, since matters in their breadbasket, namely Bonthain and Boelecomba, are also very meagerly conditioned by the low yield of grains for some years past now. And according to the latest report from the Resident Swellingrebel, the crop also looks completely unfavorable; however, for the rest, everything is at peace there, and recently in the month of May, Daeeng Magassij was appointed to Careeng Oedjoeng Lowe in place of the deceased Daeeng Matta Lattoe, subject to the further respected approval of Your Right Noblenesses. Maros Pintjana: the latest consumption, although more than last year, has by no means fulfilled the expectation held thereof in the month of May, much having been ruined by grubs and worms, besides several fields having remained empty due to the severe illnesses that have raged there again this year. This is not only in the aforementioned province, but general, as the King of Bonij related to me during my latest visit: that in the inland areas, which are renowned for their fertility, the crop in the field this year was so scorched by the heat of the sun as if it had been burned by lightning or with fire, which everywhere makes a dismal spectacle and may rightly be considered a punishment from Heaven. This is then also the reason that this year, again, none of that grain can be spared for Amboina or Banda, it being desirable that something of importance will still be stored in the barns at Bonthain and Boelecomba to be able to accommodate the Company's servants and inhabitants, who will otherwise find it hard to come by that so highly necessary sustenance, as at present, while I write this, the last is sold for 50 rixdollars, and if the private burgher vessels do not bring grain richly from Java, it will rise to a much higher price within a short time. Lastly, I take the liberty, beside this, to present to Your Right Noblenesses a small chart which I have had made here as accurately as possible by the Master Shipwright De Heere, after he had properly taken personal inspection of some hidden shallow shoals and rocks lying north of the Driegebroeders and in the fairway from Batavia to Maccasser, and which were not known on the ordinary charts that are provided to the ships, about which complaints have frequently been made here; all the discovered places being distinguished with letters so that such use may be made thereof as Your Right Noblenesses shall please to order, while for the rest I most respectfully refer to the written report which the aforementioned Master Shipwright has submitted to me and which is forwarded among the annexes. And herewith concluding this, I take the liberty to remain with due respect, Right Noble, Great, Honorable, Far-Ruling Lord and Well-Noble Lords, Your Right Noblenesses' humble and obedient servant, was signed: C:s Sinkelaar. In the margin: Maccasser in Castle Rotterdam, the 20th October Anno 1765. 116: From Maccasser the 20 October 1765 From Maccasser the 23rd October 1765 In my last humble letter of the 4th of August last, having briefly reported the confused situation here and the fear that it would erupt into an open war, etc., I furthermore find myself in the highest degree obliged to inform Your Highness that we have received orders and relief to act against the Prince of Talowang with his accomplices so late, through the long delay of the vessels, that one is not capable of erecting any fortifications, the enemies in the meantime being very much reinforced with all kinds of heavy artillery. To as before Batavia Batavia military equipment

Dutch transcription

109 Van Maccasser den 20:' October 1765:— Van Maccasser den 28:' October 1765:—. is dat het op de mangarije weder tot een oorlog begint uijt te barsten en de maccassaaren sterkz besig zijn het verlooren Rheo wederom te winnen hebbende zoo als den Resident segd de onderdanen van die plaets op haer zeijde om dat haar nieuwen Heer dat volk wat al te hart ge„ „handeld en haer daar door baloorig gemaakt heeft omtrend het welke geen redres te maken zij voor en al seer sumbauwa weder in rust is zijnde omtrend de overige rijkjes niet son„ „derlings te noteeren als dat het omtrend de eet waaren aldaer seer slegt gesteld is dog nog veel slimmer op Saleijer alwaer daar en boven de sterfte nog continueerd en der vermeerderd als verminderd volgens het schrijvens van den Residend die in het begin deeder maand met gesamentlijke regenten en de gemeene aan dit Casteel gekomen sijnde mij mondeling zodanig een beschrijving van den ar„ „moedigen toe stand dier inwoonders gedaen heeft dat het smertelijk is te hooren moetende die arme Maros pintjana heeft de Iongste verteering schoon meer als voorleeden Jaer gantsch niet voldaen aan de verwagting die men daer van had in de maand van maij zijnde veel door de Potten menschen sig meest voeden met wortelen die in 't bosch in de grond wassen en basten van boomen vermits het gewasch van batting seer gering is door dien het bij na in geen Jaer geree„ „gent heeft en rijst of praij kunnen zij niet te kook krijgen vermits het op haar broodkamer namentlijk Bonthain en Boelecomba meede seer sober ge„ „steld is door de geringen insaem van graanen nu seederd eenige Iaaren herwaarts en volgens het Iongste berigt van den Resident swellingrebel staet het gewasch ook gantsch niet favorabel dog voor het overige is het daer alles in rust en Jongst in de maand maij tot Careeng oedjoeng lowe aangesteld daeeng magassij in steede van den overleeden daeeng matta lattoe op de naedere g' eerde approbatie uwer hoog Ede heedens menschen s op„ Van Maccasser den 20:' october 1765 Van Maccasser den 20. ' october 1763 en wormen geruineerd geraakt behalven dat verscheijden velden leedig sijn blijven leggen door de swaare siektens die aldaar dit Jaer weder hebben geraseerd dit is niet alleen in gem: provincien maar algemeen soo als mij de koning van bonij in mijne jongste visite verhaald heeft dat in de binnen landen die vermaard sijn om haare vrugtbaerbeijd het gewasch op het veld dit jaer sodanig door de hitte der sonne verschroeijt is al of het door de blixen of met vuur ver„ „brand was het welk dan alomme een naare vertooning maakt en ten regte als een straff„ „fe van den hemel mag geconsidereerd werden Dit is dan ook de reeden dat er van dit jaer weder van dien korl voor Amboi„ „na of banda niet sal kunnen gemist werden te wenschen zijnde dat er nog iets van belang tot bonthani en boelecomba sal werden inge„ „schuurt om de dienaaren der Comp: en ingese„ „teren te kunnen gerieven die het anders swaerd sal vallen om aan dat zoo hoognodige voedsel te koomen alsoo thans terwijl ik dit schrijven het last voor rd:s 50: word verkogt en soo de particuliere burger vaertuijgen van korl niet rijkelijk van Java voeren binnen korten tot een veel hooger prijs sal stijgeren Laastelijk neeme ik de vrijheijd uw hoog Edelheedens nog beseijde dese aan te bieden een kaartje het geene ik alhier soo accuraat doenlijk heb laten maaken door de werff baas de Heere na dat hij behoorlijk in persoon hadde genomen inspectie van sommige ver„ „borgene ondiepe droogtens en steenen leg„ „gende benoorden de driegebroeders en in het vaerwater van Batavia na maccas„ „ser en dewelke in de ordinaire kaarten met die de scheepen meede gegeeven worden bekendd stand waer over menigmalen alhier geklaegd is zijnde alle de ontdekte „net plaatse „ letters gedistinqueerd op dat daar van sodanigen gebruik sal kunnen ge„ „maakt werden als het uw Hoog Edelheedens te sullen 116: Van Maccasser den 20 October 1765:— Van Maccasser den 23:' October 1765: — sullen gelieven te ordonneeren terwijl ik mij voor het overige eerbiedigst gedraa„ „gen aan het schriftelijk rapport het geen gem: Werff baas mij heeft g'intre„ „geert en dat onder de bijlagen over gaat En hier meede deeze besluijtende neeme ik vrijheijd met verschuldig„ „de eerbied verblijven /:onderstond:/ Hoog Edele groot Agtb: wijdgebie„ „dende Heere en Wel Edele Heeren /:Lager:/ UW Hoog Edelheedens onderdanige en gehoorsamen dienaar /:was geteekent:/ C:s Sinkelaar, /:in margine:/ Maccasser in 't Casteel Rotterdam den 20: october Anno 1765: — In mijn Laast onderdanig schrij „vens van den 4:' aug: I: l: refe„ „rentelijk in 't kort gemelt hebben„ „de de verwarde toestant alhier en de vrese dat het tot een fon„ „nele oorzog zoude ontbarste &c:a zo vinde mij verders ten hoogste verpligt, uw hoogh:t te bedeele, dat w' Last en secours hebben gekrege tegens den prins v: talowang met zijn Complicen „te agere zoo laat door 't Lang dukkele der vaartuijge dat men niet Ca„ „pabels enige bontings op te rigte wesende de vijande intusse zeer versterkt van alderhand swaar geschut Aan Als vooren Batavia Batavia krijgsting

NL-HaNA_1.04.02_3157_0418 view scan ↗

English

From Maccasser the 23:' october 1765:— From Maccasser the 23:' october 1765: — provided with cruisers etc. and become so powerful that we cannot possibly carry out anything without a large European force and everything necessary appertaining thereto, the more so because the Balinese are incapable of capturing strongholds and the peoples of the allies are cowardly, which we experienced before a place called oetang, which we attacked twice, causing a considerable multitude to perish each time, so that nothing was lacking but to storm it, yet we could persuade none of our auxiliary troops to do so, who were so frightened that they abandoned us and stood afar off, wherefore we were forced to withdraw, for to do it with 42: soldiers, of whom already 1: is dead, 17: severely wounded and 4: powerless through illnesses, would be an irresponsible undertaking and certain death, your highness being able to discern clearly from this, if it pleases you, how necessary it is to be provided with a good force (the more so now that our designs, both through the fall of the old mengeranga and many other circumstances, are ruined, as can be seen at large from our forwarded papers), which we well know that the honorable Governor at maccassar cannot do from the weak garrison stationed there, and therefore, in hope of favorable interpretation, we most humbly request to be provided from over there, as soon as the monsoon allows it in any way, with men and all kinds of ammunition etc., whereupon we hope, under God's blessing, soon to be masters, as well as to get the expenses repaid in slaves etc., using most humbly the liberty to present this to your Excellency, for the reason that I fear the government of macassar, through the passing of the monsoon, will not well be able to do so, and necessity nevertheless requires it, not doubting in the least that all the papers relating to this expedition have already been handed to your highness, through which you will be able to see our conduct maintained, which I hope will merit your high-wise approval, and that reflection will be cast upon the hardship, grief and trials that I have now undergone for two years, with loss of health and great expenses, whereby I have fallen very far behind, so much so that I am not able to make it good for so long, most obediently entreating to be favored with another advantageous post over there at macassar or Java, when I have brought things to rest here, for which I risk honor and life, the most precious things I possess in the world. Herewith concluding this, after having commended your High Honorable's precious person and the Honorable Company's momentous interests to the sole safe keeping of God, and I subscribe myself with irreproachable respect and the deepest esteem to be /:was signed:/ High Noble, Valiant, Right Honorable, Wide-ruling Lord and Mighty Benefactor, /:Lower:/ your Excellency's very humble, obedient and obliged Servant /:was signed:/ I: B: Bakker. /:in margin:/ written In the pantjallang de vigelantie the 23:' october 1765. Copy daily journal. Copy Daily Journal of the sumbawan Expedition, running from the 4th of August to the 22nd of october Anno 1765: August Anno 1765: letters dispatched to the Right Honorable Governor. Sunday the 4th of August We were also informed by one of the confidants who was with Carang Biladjo yesterday, that the prince of Talewang had on three diverse occasions appointed notables of the realm to send to maccasser with the envoy of Boni, but none would accept it, fearing to be murdered, that Prince wanting to send an embassy with 25: slaves as a present for the Governor and the king of Bonij, whose last-mentioned envoy Paoedoe also did not want to let them depart before the Europeans were gone, the aforementioned Craing Biladjo having related, among other things, that the Bonijers said their court had only sent them to cover the Honorable Company's shame, which was why the shahbandar at maccasser had daily been to the king, and this was also the reason why the Europeans did not dare to come ashore before their arrival; which account we also wrote to the aforementioned Honorable Gentleman, and then set sail for Papekat, as did the ship for India's capital. Monday the 5th of the same month Our little fleet was very much scattered by contrary weather, and as the first signatory feared that the sloop and

Dutch transcription

Van Maccasser den 23:' october 1765:— Van Maccasser den 23:' october 1765: — kruijsting &:a voorzien en zo magtig geworde dat w'onmogelijk buite een grote Eu„ „ropese magt en al 't nodige daar bij gehoren „de iets kan uitvoere, te meer de balierstot het inneme van sterktens in Capabel en de volkeren der bondgenoten zonder hart zijn 't geen w' hebbe bevonde voor een plaats genaamt oetang die w' twemale aan„ „taste en daar intelkens een Conciderabele menigte doen zneuvele, zo dat er niets aan mankeerde als 'er op inteloppe, dog waar toe w' gene onser hulptroepe konde bewege„ die zo bang ware datze ons verliete en van verre bleve staan, waarom genood„ „zaakt zijn geweest afte trekke, want met 42: militairen daar bereets 1: van doot 17: swaar gequest en 4: door ziektens onmag„ „tig zijn, het te doen, zoude een onverantwoor„ „delijke onderneming en zekere doot wese kunnende uw hoogh:t des behagende hier uit zigtelijk nagaan hoe noodzakelijk het is met een goede magt te werde verzien (:te dissijnen meer nu onse zo door de val der oude mene ranga als vele andere omstandighede in 't brede uit onse overgezondene papiere te zien verbreke zijn:) 't geen w' wel wete dat den agtb: Heere gouverneur te maccassar uit de daar liggende swakke bezetting n kan doen en daarom in hoppe van gunstige welduiding ootmoedigst verzoeke om van Costij zo dra de mouson het enigsints toe„ „laat te werde verzien met volk en alderbande ammonitie &:a als wanneer hope om onder godes regen haast meester te wese mitsgaders de onkos„ „ten in slaven &:a betaalt te krijge gebruikende zeer nedrigst de vrijheit dit de vriseit dit uw Excel„ „lentie voortedrage om rede bevreest ben de regering van macassar door 't verloop der mouson zulks niet wel zal kunne doen en de noodsake„ „kelijkheit het egter vereist twijvelende geen„ „sints off uw hoogh:t zal alle de papiere die relatie tot dese expeditie hebbe beriets zijn in han „digt en door uit kunne zien ons gehoude gedrag 't geen hopfe dat zijn hoogwijze goedkeuring zal meritere en reflexie wer„ „de geslage op de moeite verdriet en suk„ „kedinge die nu zedert twe jaren hebbe ondergaan met verlies van gezontheit en grote onkosten waar door zeer ten agtere gera „ke zodanig dat niet in staat ben om het ranga dus 115 117 Van Maccasser den 23:' october 1765 Van Maccasser onder dato den 23:' 8ber: 1765:— dus lange goet te kunne make gehoorzaamst sme„ „kende met een andere favorabele bediening acostij te macassar off Java te werde begunstigt wan„ „neer het hier in rust hebbe gebragt daar eer en zeven 't dierbaarst wat in de werelt bezit bij wage Hier mede finiere dese na uw hoogE:t dier„ „bare persoon en sComp:s swaarwigtige be„ „langens in de alleen veilige hoede gods te hebbe aanbevole en ondertekene met een onschuldbare eerbied en de diepste hoog „agting te wese /:onderstond:/ Hoog Edele gestr: Gr: agtb: wijdgebieden den Heere en Hoogmogende weldoender /:Lager:/ uw Excellentie 's zeer ne„ „derige gehoorsoorsame en verpligste Dienaar /:was getekent:/ I: B: Bakker„ /:in margine:/ geschreve In de pantjallang de vigelantie den 23:' october 1765 Copia dag register Copia Dag Register van de sum„ „bawasche Expeditie lopende van den 4:e augustus tot den 22: oc„ „tober A:o 1765: Augustus A:o 1765: brieven nade wel Ed: agtb: Heer gouverneur gede „pecheerd zondag den 4 aug:s ook wierd ons door een der vertrouwelinge Die gis„ „teren bij Carang Biladjo was geweest gecommuniceert dat de prins van Talewang tot drie diverse reijse Rijx„ „grooten hadden benoemt om met den bouijschen sen„ „deling na maccasser te sture maar gene het wilde aan„ „nemen vresendende vermoord te werde willende die Prins een gezantschap zende met 25: slave tot present voor de heer gouverneur en den koning van Bonij welkers laastgen: sendeling Paoedoe ook niet wilde late vertrekke voor dat de Eurpeese wegware hebbende gem: Craing Biladjo onder andere verhaald dat de Bonijers gezegt hebbe hun Htoff eene„ „lijk had gezonde om 'sE Comp: schande te dekke waar om de siabandbaar te maccasser dagelijks bij de koning was geweest en dit ook de rede waar om de Europeesen niet voor hun komst aan de wal derfde kome welk verbaal w' almede aan welgem: haar Agtb: hebbe geschreve en toen na Papekat onderzeil genge gelijk ook 't schip na Indias hoofd„ „plaats was ons vlootje door Contrarie weerd: zeer veastroijd Maandag den 5: d:o en alsoo de Eerst tekenaar vreesde dat de chialoup en S 1

← previousnext →