Inventory 3167
Bengal · 491 pages · 178 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
officers, to the effect as in the text, addressed the Director, and upon the boatswain, that one would therefore permit them a free purchase of required goods, the boatswain's mate, filled with checkered goods, cook, which shall be in the Company's warehouses, cooper, and this with regard to those who constable, will be inclined to pay for the aforesaid linens in chief sailmaker, cash up to the price for which these linens boatswain's mate, were purchased by the Company, with the addition only of the boatswain's mate, Hooghly and other charges, with which these linens must be burdened, whereof subsequently a proper invoice will have to be drawn up, to Bengal the chests permitted to them, and in copy alongside the long invoices of to fill with linens, they will not be allowed to do so otherwise the cargoes of the ships or separately than from the Company's warehouses. be sent to us. Deliberating upon this at the session of the 24th of October, we have, in consideration that there was truly no more checkered goods in stock than had to serve for the fulfillment of the Demand, and that since those people, whether from the foreign nations or indeed from other private persons, could obtain them, it would be notoriously hard to deprive them of the benefit that awaited them before their departure from Bengal, resolved to grant the request of the petitioners, and by that means to permit all the non-commissioned officers to obtain their requirement of checkered goods elsewhere; nevertheless and with this restriction that thereunder may not be included Sichterman's saaij and Sirsiks, since concerning those, in the Demand for the Year 1765 dated the 12th of October 1763, it was complained that those which the seafarers had brought along were sold considerably more advantageously than those of the Company, and regarding which the commissioners for the branding of the chests have been ordered to use the necessary precaution. Also, several of the ship's officers have, upon the answer given that no checkered goods were to be spared by the Company, shown by Request to him and the Council that they would have to suffer considerable damage in case they had to transport their chests empty and could not employ their money, with the request that to that end the said officers shall have to address themselves in time to the Director, who upon their request will give the necessary orders, so that their chests are filled with checkered goods. We hope that this decision of ours may have the fortune of being approved by Your Right Honorable Worships, as thereby the intended aim is not countered in so far as it concerns the petitioners, by limiting the checkered goods, and thus no excesses are to be feared regarding the other assortments, nor is the Company harmed thereby in any way, since one cannot presume that people who are not provided with cash will address themselves to it, because of the heavy charges that must in such a case be calculated thereon. Nevertheless, the order regarding this shall, if the stock in the Cloth Hall allows such, be fully complied with, and this permission shall then be revoked again. Regarding what was ordained concerning the calculation of the percentages mentioned in the text, the invoice keeper, under delivery of an Extract, was also ordered what is necessary for observance, namely the obtaining of invoices, in such a case. Upon the safe arrival of the ships, the linens with which the aforesaid chests shall be filled shall, pursuant to the Regulation of the 9th of September 1750, be sold by the Company, and the proceeds thereof, after deduction of the recognition fees, be paid out to the holders of the branding certificates in accordance with the aforesaid regulation; but in case those officers or any of them might not be provided with ready money, and yet should desire to make use of our aforesaid concession, such will also be permitted to them, and consequently their chests shall in the manner mentioned also be filled from the Company's warehouses. Yet, since it would not be reasonable that the Company should make the advance of money and bear the risk of the outward and homeward voyage without being indemnified in that regard, we have further determined that when the chests of the above-mentioned petty officers shall be filled from the Company's warehouses without being paid for in cash, those goods shall then, besides the purchase prices aforesaid, Hooghly and other charges, be further burdened with 10 percent for the advance of the Company's money for upwards of two years, as well as 12 percent for the outward and homeward voyage. That further the invoices which must be drawn up, according to the above-mentioned order, of the goods thus transferred into private ownership, shall not be handed over to the seafarers, but shall be annexed to the long invoices of the cargoes of the ships, or sent directly to us separately alongside the branding certificates, to the end that after the sale of those goods has taken place, the proceeds thereof, after deduction of the purchase prices and that with which the said goods shall further be burdened pursuant to the aforesaid order, as well as of the recognition fees, shall be paid out to those in whose names the branding certificates are lying, in accordance with the regulation of the 9th of September 1750, and thus in the same manner as has been done from that time until now with the arrived linens. We must further report for your information that we
Dutch transcription
164 „cieren, ten fine als in den text, bij den Directeur g'addresseert, en op het hen de Bootsman, dat men over zulx aan hen een vieij derzelver kisten werden „ven inkoop van benodigde goederen „ Schieman, gevuld met bonte goede„ permitteeren wilde. Hier over ter sessie van den 24„e „ kok, „ren, die in Comp„s Maga„ October delibereerende, hebben wij Bottelier uit aanmerking dat, er waarlijk „zijnen voor handen zul„ geen meer bont goed in voorraad was, „ Constabel; len zijn, en zulks met als tot voldoening van den Eisch „ Opperzeilmaker moest dienen, en dat daar die luijden, opzigt tot de geene, die „ Bootsmansmaat het zij bij de vreemde natien, dan de voorsz. Lijwaaten in wel bij andere particuliere persoo„ „schiemansmaat. „nen te recht konnende raaken, contant betalen tot de het notoir hard zou zijn hun te genegen zullen zijn priveeren van het voordeel, dat hen prijs waarvoor die Lij„ voor hun vertrek uit Benanders te wagten stond, geresolveert „ waaten bij de Comp„e het verzoek der supplianten te accor„ „galen de aan hun ge„deeren, en mits dien alle de roffe zijn ingekogt, met bij„ „permitteerde kisten cieren te permitteeren hunne be„voeging alleen van de „nodigtheid van bontgoed, elders op te vullen met Lijwaa„ Houglische en andere on„ te doen; nochtans en met deeze „ten, zij zulks niet an restrictie dat daar onder niet begree„gelden, waarmede die „ders zullen mogen doen, pen mogten zijn sichtermans saaij Lijwaaten moeten wor„ en Sirsikken, dewijl daarover, bij dan uit Comp„s Maga„ den Eisch voor A„o 1765 gedateert den „ den beswaart waarvan 12„e 8ber 1763 gedoleert is, dat die wel„ „zijnen. vervolgens een behoor„ „ke de zeevaarende hadden mede Ook hebben zig verscheide de kooffi„ Dat ten dien einde gebracht, vrij voordeeliger als die „lijke factuur zal moe„ van de Comp„e verkocht waren, en de gemelde officieren „ten worden opgemaakt waaromtrent de gecommitt„s tot gegeven antwoord, dat er geen bont zig in tijds zullen moen het branden der kisten, gelast en in Copia nevens de goed bij de Compagnie te missen was zijn, de nodige precautie te gebrui„ bij Request aan hem en de Raad „ten adaresseeren aan „ken„ Lange factuuren van vertoond dat zij considerabele schaa„ Wij hoopen dat dit ons besluit „de zouden moeten lijden, bij aldien den Directeur, die op de Ladingen der Schee„ het geluk mag hebben, door Uwel„ zij hunne kisten ledig vervoeren moesten en haare penningen niet hun verzoek de nodige Edele Hoog Achtbaare g'approbeert, pen of wel afzonderlijk te worden, aangezien daardoor emploijeeren konden, met verzoek ordres zal stellen, dat aan ons werden toege¬ en rde derzelver „zonden Heer ƒ dE der e 16 erlij hrif n afgeeven Lal 165 „ken worden. Nopens het g'ordonneerde raa„ „kende het bereekenen der in textie vermelde percentos en is den factuurhouder, onder af„ „gave van Extract mede het in zo verre niet tegen het bedeelde zonden; zullende bij be„ oogmerk is aangegaan met namelijk de supplianten, bij het „ houden aankomst der bont goed te bepaalen en ver dus Scheepen de Lijwaaten, geen excessen omtrent de overige sorteeringen te dugten zijn nog waarmede de voorsz ki„ de compagnie daarbij eenig „sten zullen zijn gevult zints benadeelt is, dewijl men niet vooronderstellen kan, dat ingevolge het Reglement Luijden welke van geen contan„ van 9„e september 1750 „ten voorzien zijn, zig aan haar bij de Comp„e worden ver„ addresseeren zullen, om de zwaa„ „re ongelden die er in zoeenge„ „kogt, en het provenu „val op bereekent moeten worden. van dien, na aftrek van Nochtans zal de ordre hier om„ „trent, indien de voorraad in de de recognitie pennin„ Kleedenzaal zulx toelaat, vol„ gen conform het voors „komen nagekomen en deese per„ „missie, als dan weder ingetrok, reglement aan de hou„ „ders der brandbrieven werden uijtgekeerd, maar ingevalle die officieren ofte eenige van hun niet voorzien mogen zijn van gereede penningen, en egter zoude verlangen van onze voorsz concessie mede gebruik te maken, zal zulx ook aan hun werden toegestaan, en zúllen k ren erde dienvolgende hunne ki¬ „sten in voegen gemeld mede uit 'sComp„s magua de „zijnen werden gevuld Dan dewijl niet ree„ „delijk zoude zijn, dat maatschappij de voor„ nodige ter observantie aanbe„ „uitverstrekking van pen„ „ningen zouden doen en de risico van de uit en 't huis reize zoude dragen, zonder des„ „wegens schadeloos te werden gehouden, hebben wij alverder vast„ „gesteld, dat wanneer de kisten der bovengemelde deksofficieren uit 'sComp„s magazijnen zullen wer„ er „den gevuld, zonder dat zul die in Contant werden en betaalt, die goederen als dan behalven de het bezorgen van factuuren, in zodanige geval, de dienvolgende inkoops „voolen. Hee ,hebb bserv erlij hrif n afgeeven Calale der bev Heer 166 inkoops prijzen voorsz Houglijsche en andere ongelden nog zullen worden belast met 10 pc=t voor het verschot van 's Compagnies pennin¬ „gen van ruim twee Jaaren als mede 12 pCt. voor de uit en 'thuis reise Dat wijders de fac„ „tuuren die van de in diervoegen in particu„ „lieren eijgendoom over gegaane goederen, na de hier boven gemelde ordre zullen moeten worden opgemaakt, niet aan de zeevaren „de overgegeven maar geannexeerd zullen worden aan de lange factuuren van de laa„ „dingen der Scheepen aan wel afzonderlijk e de erlij Indie ens an 2 neevens de brandbrieven, di¬ „rect aan ons werden over gezonden, ten einde na de gedane verkoop dier, goederen, het provenu van dezelve, na aftrek van de inkoops prijsen, en het gunt, waarmede de gemelde goederen inge„ „volge de voorsz ordre verder zullen zijn belast, als mede van de recognitie penningen werden uit¬ „gekeerd aan die geenen, ten wiens name de brand¬ „brieven zijn leggende, con¬ „form het reglement van den 9„e September 1750 en dus op dezelve wijze als zedert die tijd tot nu toe van de aangekome Lijwaa„zul „ten is gedaan geworden Wij moeten wijders tot uw narigt melden, dat neevens wij Heer dE. der He i Ed er en bsez hrif ng afgeeven al 117
English
167 Sir An extract of this has also been provided to regulate themselves accordingly upon the arrival of the ships coming directly here from the Netherlands. We have seen fit to reserve the trade in Nanking linen in this country solely for the Company, and consequently to prohibit the importation of those cloths to one and all on pain of confiscation, of which Your Honour will therefore also have to make the necessary public announcement. And since we have already fully approved your resolution of 22 November 1763 and 13 April 1764, whereby you interdicted the importation of private linens to one and all, and we remain assured that Your Honour will issue the required orders so that the said prohibition is complied with, we cannot expect that among the Batavian returns such transgressions will be found as have occurred to us among those from Bengal and Ceylon, and we also judge it for the present unnecessary to issue any orders in that respect regarding the Batavian returns. We have furthermore, with respect to the sailors and some other persons departing from here on the outward-bound ships, taken into consideration that in their sea chests there have repeatedly been discovered various goods which, pursuant to the Regulation, ought to have been removed from the aforementioned chests. And since the shipment of those small goods, provided it were done in a moderate quantity, would not tend to the prejudice of the Company, we have on that account qualified the respective Chambers that whenever there are found in the chests of the sailors, assistant ship carpenters, assistant sailmakers, and head and assistant coopers a small quantity of the goods specified on the list annexed hereto, to allow the same to remain therein and to permit their shipment to the Indies. 168 Just as we furthermore, upon your recommendation in letters to us of 20 October and the last day of December 1764, have seen fit to grant to Pieter Brueijs, second at Cassimbazaar, the status and salary pertaining to the aforementioned post according to the regulation of 31 July 1753. The deed for Brueijs as merchant having been sent to us by Their High Nobles, we forwarded it to Kassimbazaar with orders to administer to him the ordinary oath of purge for the lawful acquisition of this status. Which having been carried out, the said Brueijs requested that his humble gratitude be presented both to Your Right Honourable and to Their High Nobles. We have furthermore, upon your further nomination, granted to Jacob Nicasius de Meijer, ordinary commissioner at Houghly, the status and salary of junior merchant pertaining to the aforementioned post. Just as the junior merchant De Meijer has likewise expressed his gratitude for this his promotion and promised to make every effort to make himself fully worthy of this benefit. Furthermore, we have seen fit to appoint as junior merchants, with the usual salary and emoluments: Gregorius Herklots, clerk to the Director in Bengal, together with [illegible]. The junior merchant Herklots having likewise expressed his gratitude for his advancement, we could also not fail to assure Your Right Honourable thereof in his name. Per the ship YJsselmonde Receipt of a Batavian letter with the enclosures. Concurs with the draft reply resumed and approved in the Council of Policy. The Honourable Gentlemen Councillors of the Netherlands Indies Right Noble, Widely Commanding Sirs Not until 29 January were we honoured with Your High Nobles' esteemed letters of 25 October of the past year, together with the accompanying papers. We shall not fail to observe, as bound, the orders and commands which they contain, and in order that this may also be observed individually, we have delivered the necessary copies and extracts to those whom they concern. Petrus Albertus van der Parra, Governor-General on behalf of the State of the United Netherlands and its General East India Company. To the Right Noble, Greatly Honourable Sir To His High Nobleness Batavia Hooghly, the last day of October 1766. No. 4
Dutch transcription
167 Heer Hier van is al mede Extract en „geven, om zig bij arrivement van „leeren. wij hebben goedgevonden den handel in nanking linnen hier te lande al„ „leen voor de Comp„e te re„ „serveeren, en mits dien den aanbreng dier doe„ ken aan alle en een iegelijk op pane van confisertie te verbieden, waarvan UE dierhal„ „ven ook de nodige adver„ „tentie zullen moeten doen en vermits wij be„ „rijds volkomen hebben goedgekeurt uw besluit van 22„e November 1763 en 13„e April 1764. , waarbij Ub aan alle en een iegelijk aanbreng van particu¬ „liere lijwaten, en wij ons verzekerd houden, dat UE de vereischte ordre zúllen stellen, Wij hebben al verder Copij van de aan den fiscaal afge„met opzigte tot de van „re persoonen, op de uit,„ er „gaande scheepen beschee „den in aanmerking ge„en „nomen, dat in dersel„ „ver pluniekisten te de alhier uit Nederland Directaan, hier vertrekkende Mat„ hebben g'interdiceert den komende scheepen, daarna te regu„ troosen en eenige ande„ den an gens P dat het gemelde verbod werde agtervolgt, Kun „nen wij niet verwag„ de „ten dat onder de Bata„ne „viasche retouren zullen worden gevonden zoda¬ „nige uijtstappen, als ons onder die van Ben„ „gale en Ceilon zijn voor¬ „gekomen, oordeelen wij ook voor als nog onnoo¬ „dig, met opzigte tot de bataviasche retouren ten dien opzigte eenige ordres te stellen. dat meermaalen Bata v be dez Indie Hee hebb Ed zullen bsez erlijk hrif nga afgeeven Lal 168 voor deeze zijne bevordering be„ tuigd en belooft heeft alles te weldaad volkomen waardig te maaken te laten verblijven en Pa meermaalen zijn ontdek dies verzending na In¬ deze en geene goederen „dien te permitteeren- die ingevolge het Regte zo als wij al verder „ment uit de voorsz kiste De acte voor Brueijs als koopman hebben moeten worden door haar Hoog Edelens ons toe ge, ter uwer instancie bij „zonden zijnde, hebben wij die naar kassimbazaar voortgeschikt, met „ brieven aan ons van 20„e geligt, En vermits de versending van die goe„ last om hun voor de wettige ver: october en ult„o decemb„r ederla krijging van deze qualiteit te doen „dertjes, wanneer dien „ resteeren den ordinairen Eed van 1764. hebben goedgevonden purge, het welk aan gevolg geno„ te accordeeren aan Pieter een matige quantiteit „men hebbende heeft gem„t Brueijs. werd gedaan niet zoude laaten verzoeken dat zijne onder Brueis secunde te Cas„ „sembazaar de qualiteit „danige verplichting zo aan Uwel„ strekken tot prejuditie „Edele Hoog Achtbaare als Haar Hoog Edelens mogt worden voor„ en gage die volgens het van de Maatschappije reglement van den 31e „gedragen. hebben wij uit dien hoofde Julij 1753 tot de voorsz. be„ de respe. Kameren gequali¬ „diening is staande. „ficeert om wanneer in Wij hebben voorts op Uwe de kisten van de Mattra zo als ook de onderkoopman „sen, onderscheeps timmer De Meijer, mede zijne erkentenis verdere gedaane voor„ „dragt aan Jacob Nicasiusi, hebben wij „lieden, onderzeilmakers, de Meijer ord„e gecommittig Edelens Opper en onder kuipers nog zullen aanwenden om zig deze te Houglij g'accordeert de Per-a. „te werden gevonden een qualiteit en gage van zullen Kleine quantiteit van de onderkoopman tot voorsz en welke goederen op de hier nevens bediening staande. bserv gevoegde lijste gespecificeert Voorts hebben wij goed dezelve als dan, daar in Indie Verlij de lan wegens gd'E l van gevonden Batavia n Heer a eene. be Hee hrif n afgeev ala Per het Schip YJsselmonde Ontvangst van een Batavia se brief met de bijlaagen De onderkoopman Herklote gevonden tot onderkoop mede zijne dankbaarheid voor zijn avancement betuigt hebbende, lieden met de gewone ga konnen wij ook niet afwezen „ge en emolumenten- Uwel Edele Hoog Achtbaare zulx aantestellen uit zijne naame te verzeekeren Gregorius Herklots, Accordeert met de Concept beantwoording in Raade van Clerq bij den Directeur in Politie geresumeert en g'ap„ Bengale. probeert. benevens. De Wel Edele Heeren Raaden van Nederlands Indie Hoog Edele Wijdgebiedende Heeren Niet eerder dan den 29=e Iannuarij, hebben wij ons vereerd gevonden, met Uwer Hoog Edelens geerde letteren, van den 25=en October a. p na de daarbij gehoorende papieren. Wij zullen in gebreke blijven, de ordres en bevelen welke dezelve behelzen, na gehouden is te observeeren en hebben op dat zulks ook afzonderlijk werde in acht genomen, de noodige afschriften en uittrekzels, aan de geenen, die ze aangaan, haal Petrus Albertus van der Parra¬ Gouverneur Generaal, van wegens den staat der vereenigde Nederlan den en haare algemeene Oost In¬ dische Kompagnie. Den Hoog Edelen Groot Achtbaaren Heer Aan zin Hoog Edelheid Hoegli ultimo Octopbr 1766. Sawvalbeaver Darits No. 4 Batavia vlngen ando176 afgeeven
English
when the last dispatched ships have put out to sea inclusion of the answered extracts from the Fatherland Bengal. to be delivered, with a recommendation for prompt compliance. Intending to answer those points of the aforementioned letter which require a rescription under the different main headings where this will best apply, we shall only note in advance that the ships Bleiswijk, Schagen, and Welgelegen, according to the writing of the authorities, put safely to sea on the 17th of January, so that we hope that our respectful letter of the 11th of the same month, addressed to Your Right Noblenesses by the last-mentioned vessel, has long since been properly delivered, adding, however, for greater reassurance, the duplicate thereof herewith, as well as the triplicate of that of the 11th of April of the past year. But before proceeding to give Your Right Noblenesses an account of our proceedings, insofar as this has not already been done in our aforesaid advices, we shall insert here the extracts of the letters from the Honorable and Most Respected Gentlemen Masters to Your Right Noblenesses and our answers in the margin thereof: Extract from the general missive written by the Honorable and Most Respected Gentlemen Seventeen in the Fatherland to Their Right Noblenesses the Governor-General and the Councilors of the Indies at Batavia, dated Amsterdam, the 10th of October 1764, containing the matters of Bengal. Extract. However much we had from time to time flattered ourselves that the poor state of the Company's affairs in this Directorate would finally have changed for the better, and that consequently the obstructions and difficulties which the Company has encountered in its trade for years in succession would also have ceased, we nevertheless experience to our particular regret that, notwithstanding all endeavors made toward redress, not the least improvement has thus far been effected, but rather that affairs have become of a worse appearance. Yet however detrimental the state of this Directorate appears to be, and however little fruit the endeavors made toward the recovery of that decline may have borne, we nevertheless do not wish to refrain from praising the care and zeal with which you and the ministers have sought to bring about that so highly necessary improvement, were it possible. And at the same time generally conforming ourselves to the orders which you have given regarding what has occurred in this Directorate and the dispositions of the ministers, we shall note concerning such matters as are of a particular consideration and consequently require some rescription on our part, namely: Firstly, with respect to the collection of opium and saltpeter, that we have seen with very great regret that through the continuous violence of the English, not only has the purchase price of the opium increased considerably, but also that the natives have become averse to cultivating and supplying those products, so that the English themselves, notwithstanding their coercive measures, have by no means been able to obtain such large quantities thereof as previously. It is therefore of the utmost necessity for the interest of both the one and the other Company that this be remedied as soon as possible, and it grieves us that the means which Director Taillefert and the other ministers, together with the Patna employees, have employed in order to make those violent acts and impediments cease, have been of virtually no effect. We have indeed on our part made repeated representations in this regard, and we shall not fail to insist upon them; but however much His Britannic Majesty has repeatedly declared upon the representations made on that matter... Margin answer: At present, and for some time past, one has had no cause to complain of violence in the opium trade. On the contrary, the recall of all the English free merchants has not only caused the price to fall considerably, but has even given our employees at Patna the opportunity to fulfill the demand of 1000 chests.
Dutch transcription
170 wanneer de laast gedepecheer de schepen buiten geraakt inlussing der beantwoorde Patriasche- Extracten Bengale. afgeeven, met recommandatie tot eene prompte nakoming Voorneemens zijnde, om zodaanige pointen van voormelde- brief welke rescriptie vereischen ^ hoofd deele te beantwoorden, onder de differense ^ waar zulks het best zal te pas komen; zullen we eenlijk voor afno„ teeren, dat de scheepen Bleiswijk, Schagen en Welgelegen, volgens het Schrijven der Overheden den 17=en Iannuarij behouden zijn in zee geraakt dus wij hoope hebben, dat onze eerbiedige van den 11=en derzelfde maand, met laastgemelden Bo„ dem aan U Hoog Edelens geaddresseerd, reeds. voorlange behoorlijk zal zijn besteld, voegende echter tot meerder gerustheid, daarvan het Dupli„ kaat hier nevens; zo wel als het Triplikaal van die van den 11en. April , a. P. Dog alvoorens over te gaan om U Hoog Edelens verslag onzer verrichtingen te geeven, in zo verre„ zulks niet reeds, bij onze voorschreeven advisen is gedaan, zoo zullen we hier insezeeren de Extrac„ ten der brieven van de WelEdele Hoog Achtba re Heeren Majores aan U Hoog Edelens en onze antwoorden, in margine van dezelven Hoe zeer wij ons van tijd tot tijd hadden geflatteerd, dat de slegte ge steldheid, van 's Comp. s Zaaken en dese Directie eijndelijk ten goe„ de zoude zijn verandert, en dat vervolgens ook zouden zijn geces¬ seert de Traverses en moeijelijk heeden, welke de Compagnie Iaaren agter een in haaren han del heeft ontmoet, ondervinden echter tot ons bijzonder leedweer dat niet teegenstaande alle aang wende de voiren tot redres tot n toe-geene de minste- verbetering heeft kunnen werden geeffectueert jadas veel eer de zaaken van Extract uijt de generaale Missive geschreeven door de Edele Hoog Agtbaare Heeren 17=en in 't Patria aan haar Hoog Edelheedens den Gouver„ neur Generaal- en de Raaden van India tot Batavia ge- dateert Amsterdam den 10=en October 1764 vervattende de Materie van Extract. erger zijn ven handel, te klaagen. In tegendeel, „lieden, heeft niet alleen de prijs, mer. lijk doen daalen, maar zelfs onze be= enden te Pattena gelegenheid gegee. ren, den Eisch van 1000. Kisten te voldoen ergeraanschouw zijn geworden. Dog hoe nadeelig ook de staat van dese„ Directie voorkomt, en van hoe weinig vrugt ook mogen zijn geweest de aan„ gewende devoiren tot herstelling van dat verval, willen wij echter niet afzyn te landeeren de zorge en ijver, waar„ mede UE en de ministers hebben getracht, die zo hoognodige verbeete„ ring, waze het mogelijk te wege te brengen En ons teffens in het generaal con„ formeerende met de ordres welke UE omtrend het voorgevallene in dese Directie en de dispositien der Ministers hebben gesteld zullen wij ten opzigte van deze- en geene zaa„ ken, die van eene bijzondere consi¬ deratie zijn, en oversulx eenige rescrip ke van onzentwegen vereijschen ten dezen noteeren, en wel.— men heeft thans en sedert eenige tijd, geen Eerstelijk met opzicht tot de in za den, om over geweldenarijen in den am„meling van amphioen en salpeter t op ontbod, van alle de Engelsche Vrij, dat wij met zeer veel leedweezen hebben. gezien dat dooor de aanhoudende ge„ veldenarijen der Engelschen niet al„ leen de Inkoops prijse van de amphe¬ „oen merkelijk is verhoogt, maar ook dat de Inlanders afheerig werden die protucten te verzorgen en aan te brengen; zo dat de Engelschen zelve onaangezien haare dwang middelen daarvan op verze na zo groote quart titeiten niet als voor heen hebben kunnen magtig worden; Het is over sulx van de uiterste noodzaakelijk „heid voor het interest, zo wel van de eene, als de andere Compe. dat daar in hoe eerder hoe beter voorzien en het smert ons dat de middelen die de Directeur Taillefert en de verdere Ministers benevens de Pat tenasche bediendens hebben in het werk gesteld, ten einde die geweldena zijen, en belemmeringen te doen op houden, genoegzaam van geen effect zijn geweest Wij hebben wel van onze, zijde, des wegens gedaan herhaalde repre¬ sentatien, en wij zullen niet na¬ laaten daar op aan te dringen maar hoe zeer ook zijne groot Brittanische Majestijt een en andermaal heeft gedeclareert op de vertoogen, welke ter zaake ook gemeld : 171
English
172 stated, on account of their High Mightinesses accusing him as if these were done, that he would not have been minded to allow the English to harm the Dutch Company in its possessions or acquired privileges by the English Company, and we remain assured that such is also the true intention of His said Majesty, we can nevertheless expect little effect from our representations as long as we are not provided by the Ministers in Bengal with such evidence by which we can irrefutably prove our rightful complaints, since the servants of the English Company not only unhesitatingly deny the accusations brought against them, however well-founded those accusations and however world-renowned their acts of violence may be, but they themselves do not shrink from subjecting the servants of the Dutch Company to suffering. All the evidence that could with any possibility be obtained was already offered to Your Right Honorable Excellencies in the year 1761 with the ships Scholtenburg and Visvliet in separate bundles. We hope that these will be found sufficient to justify the complaints made; and from the aforementioned separate Patna letters, which are also to be found in those bundles, as well as the separate writing of the Director and Head Administrator of 22 December 1762, the means that had to be employed to obtain that evidence will be apparent. May we also be permitted to remark in this respect that, even assuming that one could still obtain some evidence of sufficient force to serve the intended purpose, it would nevertheless in the present circumstances of the times be entirely ill-advised to make any stir—without which the same could after all not be obtained—for that purpose. One might thereby easily cause an animosity, which seems to have entirely given way to mutual harmony and helpfulness, to surge up again; and the interests of the Company would run the risk of suffering thereby. We recommend on such matters that the Ministers leave nothing unattempted to provide us with sufficient proof of those persistent acts of violence and obstructions of the English, in order to be able to make the necessary use thereof here. And although from the separate letters of the Director and Head Administrator of 25 August and 22 December 1762 it is to be gathered that those required pieces of evidence will be difficult to obtain as long as the English Ministers continue to adhere to the political system which they have proposed for themselves, and they at the same time continue to retain the influence which they still seem to have over the native, so we nevertheless trust that the Ministers will not let themselves be deterred thereby, but on the contrary will endeavor with redoubled zeal to obtain that evidence. 173 for such reasons as stand in our secret resolutions of 7 November. Also, one currently has no reason to complain about this article, since the English gentlemen have delivered the quantity which they had destined for us thereof, estimated at 28579 maons, of which 26940 maons have been issued to us. The direct purchase of saltpeter we have until now considered ill-advised and respectfully reported to Your Right Honorable Excellencies on 14 December 1764 and 29 January 1765. We approve meanwhile the conduct which the Ministers have maintained until now to obtain the required saltpeter and opium, but since we are of the opinion that all indirect purchase of those products, and especially of the opium, must have harmful consequences, we wish that the Ministers will have been in a position to purchase a sufficient quantity of both those articles directly. We furthermore pass over the fact that the Ministers have lent the Company's refining kettles to the English at their request, for although that issue has not answered the purpose of the Ministers, and the conduct of the English deserved no accommodation on our part, we nevertheless accept that conduct of the Ministers as having been done with good intentions. Passing herewith to the discussion of some further points occurring in the Ministers' successive letters and your rescripts, we can also well approve that the Ministers, upon the difficulties raised by the pilots regarding bringing the ships drawing more than 17 to 18 feet past the Haze Spruit or especially through the Jennegat, had ordered the said pilots to sound those places from time to time and to lighter the ships that might draw too deep at Hijgeli, in order to be partially discharged there, since it is most pleasing to us that the Ministers use all attentiveness and care to safeguard the Company's ships against disasters and dangers as far as possible. However, the
Dutch transcription
172 gemeld, wegens haar Hoog Moog: te beschuldigen als of die voor zijn gedaan, dat hij niet zoude neemens wazen geweest de Engelsche toelaaten, dat de Nederlandsche Compagnie in den Salpeter te Compagnie in haare bezittingen benadeelen. of verkreegen voorrechten door de Wij recommandeeren over sulk Alle de bewijzen, die men met eenige nogelijkheid, heeft kunnen machtig wor„ Engelsche Compagnie wierde be „den, zijn UWel Ed:e Hoog Achtb: reeds in A:o 176 de Ministers niets onbesogt te nadeels en wij ons verzeekert hon met de scheepen scholtenburg en Visvlies laaten, om ons te verzorgen naparte bondels aangebooden. Wij hoo„ den, dat zulks ook de waare in den dat dezelve voldoende zullen zijn voldoende bewijsen van die aan „bevonden, om de gedaane klachten ten tentie van hoogst gedachte zijn echtvaardigen; zullende uit de gewis houdende geweldenazijen en Majesteijt is, kunnen wij ons elde aparte Pattenasche brieven traverses der Engelschen ten ein„ die al mede in die bondels zijn te vinden echter van onze representatien als mede het apart schrijven van derde daarvan alhier het nodige weijnig effect belooven, zo lang w Directeur en Hoofd Administrateur van gebruijk te kunnen maaken den 22:e December 1762. blijken de mid„ door de Ministers in Bengale delen, die men heeft moeten, in 't werk Enschoon uit de aparte brieven stellen, om die bewijzen te bekomen. niet werden voorzien met zoda, 't zij ons ook vergunt, ten deezen op zichte van den Directeur en Hoofd aan te merken, dat eens voor ondersteld nige bewijzen, waarmede wij Administrateur van den 25=en zijnde, dat men nog eenige bewijzen van onze rechtmalige klachten genoegzaame Kracht, om tot het voorge. Augustus en 22=en December steld einde te kunnen dienen, konden onweder spreekelijk kunnen beloo„ bekomen, het echter in de teegenwoord: 62. is af te neemen, dat die ge tijds omstandigheeden, ten eenemaal. gen, dewijl de bediendens vande ongeraaden zoude weezen, eenige bewee„ benodigde bewijs stukken be¬ Engelsche Comp„e niet alleen onbeging, /:zonder welke dezelve tog niet swaarlijk te bekomen zullen zouden te verkrijgen zijn :/ daar om te schrooms ontkennen de beschul„maaken. Men zoude hier door veel zijn, zo lang de Engelsche licht, eene animociteit, welke ten Ministers zullen blyven vol= digingen die tegens haar werden eenemaal schijnt plaats gemaaktte. ingebracht, hoe gegrond die be hebben, voor eene onderlinge harmogen het politieque Tijsteman nee en gedienstigheid, weder doen opbor„ schuldigingen en hoe waereld eelen; en de belangen van de kompe het geen zij zig hebben voor kundig hunne geweldenarijen zouden gevaar loopen, om 'er door te gesteld, en zij teffens zullen ook zijn maar dat zij zelve zig niet blijven behouden den in vloed ontzien, de bediendens van de- dien zij als nog schijnen te— Nederlandsche- Compagnie hebben op den Inlander, zo ver lijden ten trouwen 173 ren, om zodaanige reedenen, als bij onze eer 7:e 9br. onze secreete besluiten van den staan. ook heeft men over dit artikel — thans geen reden van klaagen, dewijl den ons daarvan hadden toegedacht, op 26940 maons, zijn afgegeeven. trouwen wij echter, dat de Minister zig daar door niet zullen laaten afschrikken, maar in tegendeel met verdubbelden ijver zullen kach¬ ten die bewijzen machtig te worden De directe inkoop van Salpeser, hebben Wij approbeeren in tuschen de be we tot nog toe, ongeraaden geachtte en samee handeling die de Ministers tot biedige aan U wel Ed:e Hoog Achtb: van den hier toe hebben gehouden om ter 14=e xbr. 1764 en den 29„e Jann: 1765 vermeld bekomen de benodigde salpeser en amphioen, dan dewijl wij me Heeren Engelschen de quantiteit dieze de van begrip zin, dat alle indi„ 28579 maons begroot hebben, waarvan onreete inkoop van die producten en voor al van de ampioen van schadelijke gevolgen moet zijn wenschen wij dat de ministers in staat zullen zijn geweest een genoegzaame quantiteit van die beide artikelen direct in te Koopen Wij passeeren voorts dat den Ministers aan de Engelschen op hun verzoek hebben geleent. 's Komp. s raffineer Keetels, want of wel die afgaave niet heeft be„ antwoord aan het oogmerk van de Ministers, en het gedrag der Engelschen geene gerieflijkheid van onzentwegen verdien t laasen wi echter die Behandeling der Ministers, als met een goed oogmerk gedaan zijnde ons welgevallen. Hier mede overgaande ter Verhandelingen van eeni¬ ge- verdere poincten, in der Ministers successive- Brieven en UE rescriptien voorkomende. Kunnen wij mede wel approbee¬ ren, dat de Ministers op de ge¬ maakten zwaarigheeden der Lootsen, om de Scheepen dier¬ „per gaande als 17 a 15 voeten voor bij de haze spruit of voornamens, lijk door het Jennegat te brengen, de gedachte- Lootsen gelast had„ den, die plaatsen van tijd tot tijd te peilen en de Scheepen die te diep mogten gaan op Hingelij te verluijen, om aldaar gedeelte lijk ontlost te worden, nadien het ons ten hoogsten welgevallig is, dat de Ministers alle opletten heid en voorsorge gebruiken om 's Comps. Scheepen voor rampen en ge¬ vaar en naar vermogen te beveiligen echter Het
English
174 The pilot Kornelis Kadaij is, on 31 December 1762, condemned to a fine, as shown opposite. Concerning the condition of the Ganges, we have already had the honor to provide Your Right Honorable Nobilities with an accurate and detailed report regarding the ships Bleiswijk and Schagen, which is now also being transmitted to Batavia. However, the continuous shifting of the shallows is so considerable that, within two or three months, extraordinary changes are observed. The pilots persist almost annually in raising difficulties about bringing in ships that draw somewhat deeper than 17 to 18 feet. They even submitted a petition about this to the Supreme Indian Government last year, and subsequently, in their report regarding the laying of the buoy markers, again made known their fears about the shallowness of the river below Haze Spruit, claiming they dared not risk taking heavy Company ships through it until they were unloaded to a draft of 16 to 17 feet. The ship Welgelegen having arrived precisely at that time, we were placed in no small embarrassment by that unexpected difficulty, as the season did not permit unloading that ship at Kasserijen with the usual craft, and our sloops were all outside to watch for the expected ships. However, since the Equipagemeester Zuijdland deemed the pilots' claim to be untrue, we endeavored to devise a means neither to expose the ship to any danger nor to defer too lightly to the perhaps groundless assertions of the pilots. We therefore resolved, on 29 July 1765, to commission our Equipagemeester together with Captain Jurriaan Moolensteen, assisted by two pilots, to survey the fairway below Haze Spruit, and, should they find the alleged difficulties groundless, to have the ship brought up without delay; but in the contrary case, to have it moored at Kasserijen until it had been unloaded as far as possible so as to permit it to pass over the shallow without danger. The desired effect of this resolution was also seen, as Welgelegen, without being unloaded, was successfully brought before Voltha. For this reason, they requested some years ago that no ships heavier than 136 to 140 feet in length should be sent in this direction. Nevertheless, the English in the year 1759 came before their lodge at Calcutta with warships drawing much deeper than 17 to 18 feet, and our Company has more than once had ships of 150 feet in the Ganges. We well know that at some times there is more and at other times less water in the river, but those seasons can be observed, and one would have to conclude from the cited examples that this difficulty the pilots have made against bringing up ships that draw deeper than 17 to 18 feet is not as insurmountable as they wish to make it appear. And because it cannot be foreseen in what circumstances we might find ourselves, and it is therefore in the highest degree necessary that we be properly informed concerning the condition of the Ganges and its depth or shallowness in order to know which ships we could in case of emergency send to the Ganges with peace of mind, the ministers must provide us with a report upon which we may rely. We further note as a proof of the ministers' attentiveness their decision to place the pilot Kadaij under arrest upon his arrival at Hooghly, and to have the Fiscal investigate where the said pilot had remained from 25 November to 1 December, and why, subsequently having been hailed by the captain of the ship Deunisveld, he immediately boarded the also-arrived ship.
Dutch transcription
174 De Loots Kornelis Kadaij, is over Wegens de Constitutie van de ganges, hebben, De Loossen houden genoegzaam Iaarlijks aan Heli echter de eerste rijse nie wij reeds d'Eere gehad, UWel Ed„e Hoog Echtb:r zouden kunnen geraaken en het met het opperen van zwaarigheeden, over het binnen brengen van scheepen, die eenig zins dat de Lootsen met die zwaarigh een accuraat en omstandig bericht van derhalven ten hoogsten noodzaa„ onzen Equipagem„r en de Lootsen te laaten., dieper gaan, als 17 a 18 voeten zelfs heben zijn opgekomen, zij hebben zelve toekomen, oer de scheepen Bleid wijk en kelijk is, dat wij nopens de Consti¬ zij, daar over in 't voorleede Iaar, een Re„ schagen 't welk thans mede naar Batatutie van de ganges en desselfs quest aan de Hooge Indische Regeering ge„ uit dien hoofde voor eenige Iaa„ via overgaat, dog het geduurig verloopen. praesenteerd, en vervolgens bij hun Rapportren verzogt dat geen swaar der schijder droogten, is zo considerabel dat daar diepte of ondiepte behoorlijk on wegens het leggen der Tonnenboeijen, alwe„ der hunne vreeze te kennen gegeeven, overpen als van 136 a 140. voeten der in twee of drie maanden, ongemeene derrigt zijn, ten eijnde te kunnen de ondiepte van de Rivier beneden de Haze spruit, voorgeevende, niet te durven waards mogten werden gezonden weeten welke scheepen in cas. waagen zwaare Komp.s scheepen, daar over niet te min zijn de Engelschen het nevenstaande, op den 31. e Decem„ van nood wij met gerustheid na te brengen, voor dat dezelve, tot op de diep„ & te van 16 a 47 voeten ontlaaden waren . in A„o 1759. met Oorlog scheepen ber 1762; gekondemneert, in een boe„ de ganges zouden kunnen zenden Het schip Welgelegen juist op die tijd g'arri„ „veerd zijnde, wierden we door die onverwach veel dieper als 17a 18 voeten gaan, zullen de ministers ons daarvan te zwaarigheid niet weinig in verlegen heidde, tot voor hunne Logie te Cal„ moeten doen toekomen een gebracht, alzo het Iaar getijden niet toeliet, dat schip te Kasserijen, met de gewoone catta gekomen, en onze Comp„e bericht waar op wij ons mogen vaartuigen te ontlossen, en onze sloepen. heeft meer dan eens Scheepen van alle buiten waren, om op de verwacht. verlaaten. Wij merken wijders wordende scheepen te passen. Dan alzo 350 voeten in de ganges gehad wij we„ aan als een blijk van der mi, de Equipagemeester zuijdland vermeende het voorgeeven der Lootsen onwaar te zijn, zden wel dat in sommige tijden meer nisters attentie, hun genomen trachtenen wij, een middel uitte den ken en in andere minder water in de besluijt, om den Loots Kadaij, bij om het schip niet aan eenig gevaarde &po„ neeren en echter ook niet te lichtte deze „ rivier is, dog die tijden kunnen in zijne komst te Houglij, in ar reeren aan de mischien, ongegronde voor„ geevens van de Lootsen. Wij beslooten dan agt werden genomen, en men rest te neemen, en door den Fis¬ op den 29„e Iuli 1765. onzen Eduipage meester zoude uijt de aangehaalde voor. caal te laaten onderzoeken nevens den schipper Iurriaan Moolensteen te kommitteeren, om geassisteerd van twee beelden moeten besluijten, dat de„ waar de gemelde Loots zig had¬ Loossen, het vaarwater, beneden de haaze de opgehouden van den 25=en spruit op te neemen, en de voorgebrachte zwaarigheid die de Lootsen hebben„ zwaarigheden ongegrond vindende, het schip November tot den 1e. December gemaakt tegen het opbrengen van, zonder uitstel te laaten opvoeren, dog in en waarom hij vervolgens gewaar contrarie- geval, hetzelve te kasserijen te scheepen welke dieper als 17 a 1 8. laaten vertuien, tot dat men het besimo: voeten treeden, zoo on overkomelijk Schouwe zijnde door den Schipper gelyk, zo verre zoude ontlost hebben, om het zelve zonder gevaar, over de onduepte niet is als zy die willen doen voor van het Schip Deunisveld, zig met te kunnen doen passeeren. Van dit besluit den eersten begeeven hadde aan heeft men ook het gewenschte effect gezien omen. En dewijl niet is te voor„ alzo welgelegen, zonder ontlost te werden zien, in wat omstandigheeden wij boord van het mede gearriveerde gelukkig tot voor Voltha gebracht is. in niet alleen alle Iaaren, maar veel tijd„ verandering, bespeurd word. te van twee maanden gagen. wegens zouden en
English
175 case occurred about a year earlier with the ship Vrouwe Cornelia Hillegonda, trusting that the ministers will not have neglected, upon finding any dereliction of duty, to correct the said pilot as required, in order to encourage him and other Company pilots to better observe the post entrusted to them, and further to prevent the commanders of the Company's ships from having to employ English pilots upon their arrival before the river, as the skipper of the aforementioned ship Deunisveld was forced to do at an excessive cost of 700 ropijen. In this regard, we cannot fail to remark that ship commanders often, without waiting until they have arrived at the places where our pilot sloops usually lie, proceed to engage English pilots. To prevent which, as much as possible, in the future, we decided on 17 September 1765 to have the 600 Ropijen, which had to be paid to an English pilot for bringing in the ship Kattendijke, reimbursed by skipper Leendert van der Linden; because he had engaged that pilot before having sighted the roads of Bellasoor, where at the same time two of our pilot sloops were waiting for the arriving ships, and subsequently refused to accept one of our pilots who offered to bring the ship in, in which case one could have sufficed with only half of the agreed pilotage fee. We having experienced a similar case about a year earlier with the ship Vrouwe Cornelia Hillegonda and until 7 December in the roads of Bellasoor requested the ship Vrouwe Cornelia Hillegonda. On this occasion it was further recollected that, according to Your Honour's secret letter from the Director and Chief Administrator of 5 August 1755, a gratuity of f 100.-.- has been assigned to the Company's pilots for bringing in a ship, and an equal sum for taking one out. And not having been able to ascertain to our satisfaction whether that gratuity is granted indiscriminately to all Company ships, without distinction of their charter or whether they draw more or less water, the ministers will have to elucidate us in that regard. The reasons which the Ministers have given in their separate letter of 25 August, why they could not see fit to accept the proposal, made first by the Governor of Calcutta in private to Director Taillefert, and subsequently explained more fully by the English Master Attendant, to jointly lay the buoy-barrels in the Roads of Bellasoor, are of such weight that we gladly wish to conform to them. It therefore also meets with our approval that they declined the made proposal, and on the contrary resolved to have the aforesaid buoy-barrels laid, as before, by the Company's pilots. 176 Until now, the maintenance in service of permanent peons, unless one knew better, has had the desired effect, and the f 1500.- per year allocated for it was therefore not uselessly spent. Your Honour's disposition, to have the amount of the shortages and false ropijen found among the lots brought by various ships reimbursed by whoever neglected to send over the sacks in which they were received, meets all the more with our approval because we experience to our regret that several servants in this directorship cannot be kept to their duty other than through the application of greater force and strictness. The allocation of f 1800.- to the Warehouse Master, instead of the previously permitted f 1200.- for keeping permanent peons in service on the vessels, we are also willing to pass, in the hope that the Company will thereby be less exposed to the frequent thefts that were previously committed on its goods upon those vessels. For if that objective is not achieved, and the Company is thus not freed from the damages inflicted upon it by those committed thefts, that annual expenditure of f 1800.- would bear not the least fruit, and only serve to further burden the Company. Regarding the sale of merchandise, we have observed with displeasure the poor success of the auctions held on 29 March and the first of December 1762, although one might have expected a better result from them, by reason of the reduced prices of several articles, as well as the condition that was published in the notice announcing the first auction, namely that of all that
Dutch transcription
175 geval omtrent een Iaar te vooren met. Hetdouceur, dat den Loossen voor het binnen geeven, voor alle zonder onderscheid, van watcharter, of hoe diep dat ze treeden, en tot den 7e. December ter rheede van Bellasoor versoekt hebben de- Schip de Vrouwe Cornelia Hillegonda, in vertrouwen dat Hier omtrent kunnen we niet nalaaten aan den merken, dat de scheeps overheeden veelmaals, de Ministers niet zullen hebben, zonder te wachten, tot ze gekomen zijn ter plaatzen, daar onze Loots sloepen gewoonlijk nagelaatene, bij bevinding van leggen, overgaan om Engelsche Loossen over te neemen om 't welk, zo veel mogelijk, in 't vereenig plicht verzuim, den gem: volg te beletten, hebben we op den 17„e Septbr Loots naar vereijschte corrigeeren 1765. beslooten, om de 600 Ropijen die men aan een Engelsche Loots, voor het binnen ten einde hem, en andere van brengen, van het schip Kattendijke had 's Compagnies Loossen op te moeten betaalen, te laaten rembourseeren, door den schipper Leendert van der Lin wekken tot beter waarnee den; alzo hij die Loots had overgenomen. alvoorens de Bella zoorsche Reede bezeeming van de aan hun gede„ O te hebben alwaar ter zelver tijd, twee ondermandeerde post en vervol„ Loots sloepen, op de aankomende Schepen. wachteden, en vervolgens weigerde eengens te prevenieeren, dat den onzer Lootsen, die zig aan bood, om heer 0 schip binnen te brengen, over te neemen overheden van 's Comp„s schee„„ wanneer men nog met de helft van het pen zig bij hunne verschijning bedonge Loots geld, zoude hebben kunnen volstaan, hebbende nog een diergelijk voor de rivier niet behoeven te bedienen van Engelsche het schip Vrouw„e Cornelia Hillegonda Pootsen gelijk de Schipper van het hier vooren gemelde Schip Deunisveld heefd moeten doen ten Koste van een exces¬ seve somma van 700 ro/a Bij deeze gelegenheid nader zijn brengen der schepen is toegelegd, word afge,de gerecluteert, dat volgens UE se. creete missive van den Directeur en Hoofd administrateur van den geexteerd 5=en Aug. 1755 aan s Comps Loossen tot een douceur ƒ 100„-„ voor het in en een gelijke Somma voor het uijtbrengen van een Schip is toe¬ gelegd, en niet tot ons genoegen heb¬ bende kunnen nagaan of dat dou¬ ceur werd gegeeven in distinctie voor alle Scheepen van den Comp. e zonder onderscheijd van. wat Charter die zijn, en of die meer of min diep treeden zullen de ministers ons dien aangaande moeten Elucideeren De Reeden welke de Ministers bij hunne aparte Letteren van den 25:e Aug„o hebben gegeeven, waarom zij niet hadden kunnen goedvinden te ampleteeren het voorstel eerst door den Gouverneur van Calcuttan, in het particulier aan den Directeur Taillefert gedaan, en vervolgens breeder verklaard door den Engelschen Equipagemeester, om geza mentlijk de Tonneboeijen op de Rheede van Bellazoor te leggen, zijn van dat gewigt 5=e Aggs„ dat. 176 Tot nog toe is het in diensthouden, van vas„ wenschde effect, en de daar voor toegelegde besteed. dat wij ons daarmede gaarnewil len conformeeren, Helio derhal¬ ven ook van onze goed keuring dat zij die gedaane voorslag heb¬ ben gedeclineert, en in teegen deel beslooten de voorsz. Tonne boeijen, even als bevoorens door 's Comp„s Loossen te laaten leggen UE dispositie, om het bedragen de te korten valsch bevondene ropijen onder de aangebragte partien, met diverse Schepen te doen vergoe„ den door den geene die versuijmt zoude hebben de zakken over te zen„ den, waar in dezelve zijn ontvangen is te meer van onze goed keuring om dat wij tot ons Leedwezen onder vinden, dat verscheijde dienaaren in deze directie niet als door med„ delen van meerder Klem dan ad herbakien tot hun plicht zijn te houden Het toeleggen van ƒ1800. , aan den het in diensthouden van vaste Pions op de vaarthuygen willen wij mede wel passeeren, in hoopen de Pions, zo men niet beter wees, van het ge Pakhuijsmeester, in steede van de 11500„ - 'sIaars, werden dus niet nutteloon bevoorens toegestaane ƒ1200„ — voor. dat de Comp„e daar door minder zal, zijn geexponeert aan de frequente dieverijen, die te vooren aan haare goederen op die vaarthuijgen zijn gepleegt, wans zo dat oogmerk niet werd bereikt, en de Comp„e dus niet werde bevrijd van de Schadens welke haar door die gepleegde die verijen werden toegebracht, zoude die Iaarlijksche uitgave van ƒ1800„ van geen de minste vrugt zijn en maar alleen, tot meerder be„ waar van de Comp. e verstrekken. Betreffende den verkoop van Koopmanschappen, hebben wij nie, dan ongaarne gezien, het kegt succes van de gehoudene ven dutien op den 29„e Maart en primo December 1762. schoon men daar van een betere uitslag hadde mogen verwagten, uijt hoofde van de verminderden prijze van verscheijde artikelen als mede van de Conditie, die bij het billet van uijtschrijving van de eerste vendutie was gepubli„ ceerd, namentlijk dat van alle dat den
English
The authorization granted to sell the Japanese bar copper privately had the result that the stock was sold at a profit of 164½ per cent roughly and the quantity received in 1765 at barely 168 per cent. The assortments of which anything, even if it were only a small parcel, had been sold, nothing on behalf of the Company, whether publicly or privately, with the exception only of the damaged goods, would be disposed of before the end of October, in order thereby the more to encourage the buyers. But since the increase in the sale of the Company's goods depends greatly on a better state of affairs and internal peace, we must therefore continue to hope for better times. In the meantime, we are pleased that the ministers, in order to prevent all disputes, had decided to advertise in the conditions of sale that no regard would be paid to any complaints about the poor quality of the goods after their removal from the warehouses. Although they had come to take such a resolution upon the complaints made about the adulteration of a parcel of Japanese copper, we were nevertheless pleased to see that upon investigation those complaints were found to be groundless, and that they were rather to be regarded as pretexts to be released from the purchase made. It has meanwhile also surprised us somewhat that upon cutting through some bars, some difference was discovered among them in regard to color, which difference, however, we cannot attribute to seawater, as we cannot suspect that the same would have penetrated so far into the copper that on that account the copper would have become less shiny on the inside than other bars. We further observe with regret that the sale of Japanese bar copper decreases from time to time, not only in this Directorate but also at other offices in the west, and since the cause thereof, By the statement of the profit obtained at that time on the copper of that mineral sold in the year 1764 was 183½ per cent roughly, at least with relation to this empire seems to have to be attributed to the considerable importation of Swedish copper by the English, we cannot on that account disapprove of the authorization given by you to reduce somewhat the selling price of the mentioned mineral, if a wider sale could thereby be brought about. The profit on the aforementioned copper up to 90 per cent at the auction of the 1st of December, mentioned in the separate letter from the Director and the Chief Administrator dated 22nd December 1762, we had to consider as a clerical error. Passing over for the present the regulation which you have made on the selling price of Japanese camphor, we refer, with regard to the item of tin and the reduced price of the same, to what we have noted here before under the matter of Palembang concerning that subject. This was also a clerical error, since the profit We further refer, with relation to the old Persian copperware and the loss that occurs thereon upon sale in this Directorate, to what was mentioned concerning that in our letter of 24th September 1761. No particular remarks having occurred to us concerning the sale of gold and silver, as well as the minting, and having found the actions of the ministers in this matter well suited to the circumstances of the times, we shall pass over the same, and with regard to that item only remark that from the returns of the sold new ducats in the years 1759 and 1760 at Hooghly and at Cossimbazar it sufficiently appears that with regard to the selling price of that specie the claimed experience is not so general as the ministers in answering the extract of our letter of 24th September 1761 state rather positively. But however it may stand with the sale of that minted specie, this is in any case beyond dispute, that bar silver turns out most profitably, which is why we also trust that you will provide this Directorate therewith in preference to minted specie. The weight of the adjacent parcels was found in complete agreement, both here and at Cossimbazar. The difference discovered upon comparison of the mark weights that were used in this Directorate with those kept in the main treasury at the capital, having also been able to be one of the causes of the successive shortages found, we trust that this has since been remedied. This further serves for your information that we have duly received the required reports of the manner in which the weighing of the silver was done, both at the capital and in the Directorate of Bengal, and that we shall make such use thereof as we think can best serve the attainment of our objective, while we shall further await the report of the findings of the parcel that was sent from here to this Directorate last year with the ship Schoonzigt, alongside which we added the balance scales and the weight with which that parcel was weighed out to the master of the said vessel. We shall also send by the first opportunity to the ministers the requested small balances and scales with the sets of small weights belonging thereto, and have special care taken with their packing, in order as much as possible to prevent any defects from being caused to those balances during the voyage, as it was seen with regret from the ministers' letter of 5th January 1763 that those received by the Oosterbeek were damaged.
Dutch transcription
177 De gegeeve qualificatie om het Japansch staaf Kooper, uit de hand te verkoopen, is van dat gevolg geweest, dat den voorraad met 164½ pr C=o r=m advans en het in 1765. ontvangene met 168 pr C. o schaars. de Soriementen, waarvan iets al¬ was het maar een Koopje verkogt. wierd voor ulto October niets van 's Comp. s wegen, het zij publiek of uijt de hand /: uitgezondert alleen de beschadigde :/ zoude werden af. gestaan, ten einde daar door de„ Kopers te meer aan te moedigen dan vermits de vermeerdering van het de bier van 's Comp. s goederen grotelijk afhangt van eene beteren gesteldheid van zaaken, en de binnenlandsche ruste moeten wij over zulks, op betere tijden blij„ ven hoopen; en laaten ons in tuschen welgevallen, dat de mi¬ nisters ter voorkoming van alle exceptien hadden beslooten, bij de verkoop conditien te adverseeren, dat op geene Klachten van de on„ deugd der goederen na de afhaling derselve uit de Pakhuizen, eenige Engelijk zij tot het neemen van zodanig besluijt waren getreeden op de gedaane Klachten over de vervalsching van een partij Za¬ pans Koper, zo zagen wij de gelijk met genoegen, dat die Klachten bij onderzoek, ongegrond waren bevonden en dat dezelve veel eer moesten wer¬ den gehouden voor pretexten om van de gedaane Koop ontslagen te werden, het heeft in middels ons mede eeniger maalen gesurpre„ neert dat bij het doorslaan van Com¬ mige Staven, tuschen deselve ee¬ nig verschil ten aanzien vande Couleur is ontdekt dan welk ver„ schil wij echter niet kunnen soe¬ schrijven aan het zeewater als niet kunnende vermoeden, dat hetselve zo verre in het Kooper zoude zijn doorgedrongen, dat uit dien hoofde het Koper van binnen minder glan zig als ande¬ re slaven zoude zijn geworden Wij ondervinden wijders met leedweesen, dat het debies van alleen in dese Directie maar ook op andere Comptoiren van de west van tijd tot tijd vermindert en vermits de oorzaake van dien refletie zoude worden geslagen;/ van dat mineraal in A„o 1764. verkocht is het Iapansche staaf Koper niet pans immers 178 dier tijd op het Koper behaald, is geweest— 183½ proC=o r=m immers met relatie tot dit rijkschijns te moeten worden geattzibueerd aan de consideratle aanbreng van het Schweedsch Koper door de Engel¬ schen, Kunnende- wij over sulk niet misprijzen UE gegeevene— qualificatie, om de verkoops /prijs van het gec. e mineraal eeniger mate te verminderen, in dien— daar door een zuime debies zoude kunnen worden te wege gebragt. de avance. op het voorsz: Koper tot 90 pCo op de vendutie van den 1e December bij de aparte Missive van den Directeur en den Hoofd Administrateur de dato 22„e December 1762. vermeld hebben wij als een schrijf foute moe¬ ten aanmerken. . De bepaling welke UE hebben gemaakt op de verkoops prijs van de Japanse Camphur ten deesen passeeren de, refereeren wij ons, met opsigt tot het artikel van het thin, en de verminderde prijs van het— selve aan het geen wij hier vooren Dit is ook een schrijff ous geweest alzo het advan. Door de opgave van de behaal„ onder de Maserie van Palembang over dat onderwerp hebben geno¬ teerd, en gedragen ons wijders met relatie tot de oude Persiaanse Koperwerken en het verlies dat daar op bij verkoop in deese Direc¬ tie Komt te vallen aan het ver melde dien aangaande bij onse letteren van den 24e. Septbr. 1761 Omtrent den verkoop van goud en Zilver als mede de vermun¬ ting bij ons geene bijzondere remar¬ ques gevallen zijnde en de behan delingen der ministers in deezen wel geschikt hebbende gevonden naar de tijds omstandigheeden, zúllen wij dezelve passeeren, en ten aanzien van dat artikel alleen aanmerken, dat uijt de rendementen van de verkogte nieuwe ducaten in de Iaaren 1759 en 1760. te Houglij en te Cassembazaar genoegsaam blijkt dat ten aanzien van de verkoops prijs van die munt specre de ge¬ pretendeerde onder vinding zo. generaal niet is als de Ministers onder bij 179 als te Kassembazaar bij de beantwoording van het Exchae onzer letteren van den 24„e Sextbr: 1761. vrij positivelijk zeggen; maar hoe het ook met den verkoop van die gemunte specie moge zijn ge„ legen, dit is in allen gevalle buien tegenspraak, dat bhaar zilver het dan ook vertrouwen dat UE deese directie daar mede preferabel boven gemunte Specie, Zullen voorzien. Het ontdekse verschil bij confron tatie van de markgewigten, wel„ ke in deese Directie zijn gebruikt tegen die in de grote geld Kamer aan de Hoofdplaats berusten, al¬ mede hebbende Kunnen zijn eene der oorzaake van de successive bevondene minderheeden, vertrou¬ wen wij dat daar aan zedert zal zijn geremedieert dienende wijders tot UE informatie, dat wij wel heb. ben ontfangen de gerequireerde berichten van de manier waar op de afweeging van het zilver, zo ter hoofdplaats, als in de Directie van voor deeligst uit komt waar om wij volkomen accoord bevonden, zo wel hier Bengale is gedaan, en dat wij daarvan zodanig gebruyk zullen maaken, als wij vermeenen ter be„ zeiking van ons oogmerk best kan nen dienen, terwijl wij voorts zul¬ len afwagten het rapport van de in 't voorleede Iaar na deese directie is versonden met het Schip Schoon zigt, en waarnevens wij hebben ge¬ voegd de balance schaalen en 't gewigt waarmeede die partij aan de Schipper van gemelden bodem is toegewoogen, ook zullen wij bij de eerste gelegenheid, aan de ministers toezenden de verzogte Kleene balancen en schaalen met de daartoe behoorende stellen klein gewigt, en op dies afpakken, een bijzondere acht doen geeven ten einde zo veel mogelijk te prae¬ lenieeren dat geduurende de reijse geene defecten aan die balancen werden toegebracht, als hebbende men met Leedweesen alt der minis ters letteren van den 5:e Jann: 1763. gezien dat de pr Oosterbeek ont Het gewicht van de nevenstaande partijen bevinding der partij, die van hier Bengalen Langene
English
these precautions have met with the approval of Your Right Honourable, and we live in hope that the measures that were subsequently put into effect will especially convince Your Right Honourable: that the occurring difficulties do not deter us, but rather encourage us to redouble our zeal to overcome the same. It is extremely pleasing to us that the fine balance received and sent to Cassembazaar was found to be somewhat defective and not of the required accuracy. Regarding the collection of linens, silk, and silk fabrics, we refer again to our currently outgoing demand for returns, containing our considerations on the prices and the findings on the recently received linens, and whatever further concerns trade in those articles. We do not wish, however, to refrain from expressing our satisfaction also in this regard concerning the diligence and attention with which the ministers in this Directorate, and in particular the Honourable Extraordinary Councillor and Director Taillefert, have continuously endeavored to overcome the traverses and difficulties they have encountered; we also approve of the resolution taken to grant the merchants a surplus of seven or nine per Cent on the advances for the contracts, in the hope that this will meet expectations and that the ministers, through these and other means, will be able to satisfy our currently outgoing demand in quality and quantity. In the embarrassment in which we certainly would have found ourselves again this year, the authority to accept everything that might be offered to us on bill of exchange came in very handy, and fortune served us better in that regard than we had dared hope, because through the large sums that were paid for various English returns, we have not only been enabled to effect the linen trade better, but also to assist the subordinate offices; which otherwise would not have been feasible. We expect therefore that Your Honour will to that end provide the ministers in good time with the necessary funds, since the embarrassment into which they were brought, primarily due to the long delay of the ships Deunisveld and the Vrouwe Cornelia Hillegonda, cannot but be extremely detrimental to the interests of the Company. Under the subject of Sumatra's West Coast we have already explained ourselves regarding the dispatching of those two vessels, and we shall therefore in this regard only add that since Your Honour had not only excused the ten tons of bar silver requested in your demand for the year 1761, but had also demanded nothing of that article in Your Honour's subsequent demand, and we had already sent the largest part of the first-mentioned ten tons, we for that reason did not ship any bar silver per Oosterbeek, having not been able to suspect, much less foresee, the embarrassment in which the ministers have been, and to which, to our regret, that alteration made in the demand you submitted has also contributed. The conduct of the Patna servants with regard to the 5 pieces of velvets which they have had under their management since the year 1751, and were finally found to be practically entirely spoiled, doubly deserved the correction which Your Honour imposed upon them on that account; and we might with all fairness have the Company compensated for the profits which those velvets could have yielded upon a timely sale or other disposition, and of which the Company has now been deprived through the unrequested shipment to this office and the useless retention of those manufactured goods there; all the more because it is undeniable that if, in formulating the demand for necessities for this directorate, proper attention had been paid to the remnants found at the subordinate offices, and the new demands were thereafter regulated as they should be, one would long ago have discovered that those 8 pieces of velvet remained unsaleable at Patna, and which would subsequently also have been provided for long ago; it is then also those and similar negligences in the handling of the Company's goods, of which to our regret only too many instances have appeared, that have from time to time compelled us to moderate your demands; but which we hope, through greater attention, can
Dutch transcription
180 ze verzichtingen, Uwer WelEd: Hoog Achtb: goedkeuring hebben mogen behaalen, en wij leeven in hoope dat de middelen, die vervol„ gens in het werk zijn gesteld om voornamelijk Uw Wel Ed: e Hoog Achtb: zullen overtuigen: dat de voorkomende moeyelijkheeden, ons digen, om onzen iever, tot overkoming van dezelve, te verdubbelen. Tis ons ten uitersten aangenaam dat on„ de vooruitverstrekkingen, op de aanbesteedingen fangene, en na Cassemba zaar ge„ van zeeven of negen per Cento in hoo¬ zondene fijne balans eenigsenes de pe dat zulks aan de verwagting zal fectieus en niet van de vereijschte voldoen en dat de ministers door die accuratesse is bevonden en andere middelen in staat zul¬ Ten reguarde van de inzameling len zijn om onzen thans afgaan¬ van Lijwaaten zijde en zijde koffen den Eijsch in qualiteijt en quanti¬ refereeren wij ons weder to't onzen teijt te voldoen. thans afgaanden Eijsch van retou¬ Inde verlegenheid waar in wij ons zeekerlijk Wij verwachten dien volgende wederom dit Iaar zouden bevonden hebben, is ons, ren, vervattende onse consideratie de qualificatie om al wat ons aangeboden ook zal UE tot dat eijnde de minis over de prijsen en de bevinding van mogt worden, op wissel te accepteeren, welte kers in tijds zullen voorzien van slaade gekomen, en het geluk heeft ons daarom„ de jongst ontfangene- Lywaaten, en trent beder gediens dan wij had een duren hoo,de benodigde- fondsen, dewijl de het geen den handel in die arschepen, alzo wij door se groote lommen, die voor„ verscheide Engelsche deezen in koms hus verleegentheid, waar in dezelve len verder concerneer!. zijn betaald niet alleen in staat zijn geraakt zijn gebragt voornamentlijk door Wij willen echter niet af zijn te doen, maar ook de binnen Kantooren leas, het lang agter blijven van de schee„ ook in deesen reguarde ons genoe„ sisteeren; 't welk anders niet doenlijk zoude pen Deunisveld en de Vrouwe geweest zijn. gen te betuigen over de vlijs en de Cornelia- Hillegondar niet als ten den Lijwaathandel Peter te doen reasseeren attentie, waar mede de ministers uitersten schadelijk voor de be¬ in deze Directie en in het bijson¬ langens van de Compagnie niet afschrekken, maar veel eer aanmoeder de Heer Raad Extra ord„e en kan zijn Directeur Tailledert, bij Continuatie hebben getracht te boven te Komen. de traverses en moeiijelijkheden welke zij hebben ontmoet, wij laa¬ ten ons ook welgevallen hange nomen besluit om aan de Koop- lieden na de volbrachte Leve randien toe te staan een Curplas. Wij hebben onder de Materie van Tamatras West Kust ons bereeds geexpliceert over het depecheeren van die twee bodems en wij zullen derhalven ten dezen daar nog maar bij voegen dat vermits UE niet al„ leen hadden g'excuseerd de thien Ton„ nen bhaarsilver bij uwen eijsch voor van den 181 een Iaare 1761. gevraagt, maar ook van dat artikel, bij UE volgende Eijsch niets hudden gevorderd en wij bereeds„ het grootste gedeelte van de eerst. gemelte thien Tonnen hadden ver¬ sonden, wij om die heden geen bheeve zilver p„r Oosterbeekhebben afge„ scheeps, niet hebbende kunnen ver¬ moeden veel min voorsien de ver legentheid waar in de Ministers zijn geweest, en waar toe tot ons leed„ weesen die gemaakte verschikking in uwen gedaanen eijsch almede heeft gecontribueert De behandeling van de Pal. nasche bediendens met opzigt tot de 5 p„s Fluweelen welke zij ze„ dert den Jaare 1751. onder hunne directie hebben gehad, en eindelyk genoegzaam geheel bedorven zijn bevonden, heeft dubbel verdient de correctie, die UEhan des wegenz. hebben opgelegt; en wij zouden met alle billijkheid aan de Comp=e mogen doen vergoeden de voordeelen wel, ke die fluweelen bij een tijdigen ver¬ Koop of andere dispositie hadden — kunnen geven, en waarvan de— Comp. e door het ongeijscht verzen den na dit Comptoir en het al, daar natteloos aanhouden van die manufactuuren, als nu, is verstoo¬ ken; te meer wijl onwederspreeke¬ lijk is, dat indien bij het formeeren van den Eijsch van benodigdheden voor deeze directie de behoorlijke attentie was gegeeven op de restan¬ ten welke op de onderhoorige Comptoiren werden gevonden en daarna gelijk het behoort, de nieu„ we eijschen te reguleeren, men al voor lange zoude, hebben ondwaard dat die 8 p, s fluweelen te Patna in vendibel bleeven leggen, en waar in men vervolgens ook al voor lange zoude hebben voorzien; Het zyn den ook die en soort gelijke onachtzaam heden in de behandeling van 's Com. pagnies goederen, en waarvan tot ons leedweesen maar alle veel blijken zijn voorgekomen, die ons van tijd tot tijd hebben genoodzaakt: uwe Eijschen temodereeren; dog die wij verhoopen, dat door de meerdere kunnen attentie
English
We shall endeavor in this regard to comply as much as possible with Your Right Honorable Esteemed intention, that the attention which for some time now has been paid to that important part of the Company's interests, to our particular satisfaction, will be maintained in the future. Having stated in our letter of 29 September of the past year that we would await the effect of Your issued orders regarding the withdrawal of Decca and Fettaa in case the retention thereof were not absolutely necessary; and having since examined the reasons which the ministers have put forward regarding the necessity to let a postholder remain in Decca and to retain the lodge at Fettaa, we can well conform to the authorizations which Your Honor has granted to the ministers to that end, in the hope that, upon a favorable turn of affairs and as soon as the interest of the Company requires placing a resident in Decca, a man will be chosen for this who possesses the necessary qualifications to let the Company enjoy the advantages which may then be expected from it. Over the improved state of this Directorate regarding the reduced expenses and increased profits in the financial year 1765/1766, we express our satisfaction, trusting that the ministers will continually apply themselves to reduce the heavy-pressing expenses as much as possible. It pains us in the meantime that the Company, besides so many other inconveniences, remains exposed to various extortions and money exactions, while the Moors use all kinds of pretexts to that end, without appearing to care in any way about the validity of the objections made against them; it being further easily deduced from the payment of the peshkash, to the delivery of which the Patna servants had to be authorized, how little reliance can be placed on the maintenance of the contract on the part of the Moors. We furthermore praise the conduct which Director Taillefert has maintained with regard to the English; for although prudence and the interest of the Company under the present circumstances necessarily require avoiding all disputes with the same as much as is ever possible, the Company's privileges must nevertheless not be neglected, but on the contrary maintained with discretion according to ability. Whether the considerations presented by the ministers to Your Honor—that the English had some information of various secret resolutions—were indeed well-founded, we must leave undecided, yet this has to our regret been demonstrated only too clearly on multiple occasions: that in Batavia there has been no lack of people who have done everything in their power to discover Your Honor's most secret resolutions and to make use thereof to the detriment of the Company. Holding the occurrences with the other foreign nations as settled, and particularly approving the conduct of the ministers with regard to the Danes, we further note that the memorials drawn up by the Director Mr. Taillefert have duly reached our hands, both concerning the disturbances that arose in the year 1759 between the servants of the Dutch and English Companies, and in response to the complaints brought by the Directors of the French against the Dutch Company, both of which have given us much satisfaction, and of which we shall make the necessary use in due course. However advisable it may be, as the manufacture of gunpowder had already been suspended for some time by order of the High Indian Government, which prohibition was recently repeated again, to avoid everything with the English and Moors that could give any well-founded suspicion, or to expose oneself to difficulties, to which the slightest things often give rise, we have nevertheless not been able to disapprove the resolution that the ministers have taken, in that of 15 August 1765, and repeated by resolutions taken in Council, to have some gunpowder manufactured after the rainy season; and we are of the opinion that this may well be continued, if only to preserve the Company's right and not unaccustom the Moors to it, all the more because we can easily understand that, as Director Taillefert has remarked regarding the point of exercising one's own rights, the relinquishment of a privilege could easily have harmful consequences and often be drawn into precedent with regard to others. The repeated thefts which, to our particular dismay, have been committed against the Company's treasury and have thus long remained hidden, absolutely requiring that all possible precautions be used against this, we hope that the orders which Director Taillefert has established for inspecting the treasury will satisfy the intended purpose in the future, at the same time recommending Your Honor to have the Company indemnified as much as possible for the past. Passing over the ministers' dispositions regarding the domestic affairs and Your Honor's resolutions taken thereon, we shall only note with regard to this article that we have seen with pleasure Your attention to being able to compensate the Company for the damage which it not infrequently comes to suffer upon the insolvency of its servants, and in which it was highly necessary that provision be made as soon as possible.
Dutch transcription
182 Wij zullen hier omtrent t rachten aan Uwer Wel Ed: Hoog Achtb: intertie, zo veel mo„ gelijk te beantwoorden attentie, welke zedert eenigen tijd tot ons bijzonder genoegen is gegeeven op dat importante gedeelte van 's Comp„s belangens, in het vervolg zullen werden geprevenieert. Bij onze missive van den 29=en September des voorleeden Jaars, ge¬ zegt hebbende dat wij het effect van Uwe gestelde ordres ten opzigte van het intrekken van Decca en Tettua in dien derzelver aanhou¬ ding niet absolut nodig was, zou„ den te gemoed zien; en zedert door ons geexamineert zijnde de rede¬ nen welke de ministers hebben bijgebracht, ten gesooge van het mis en de noodzaakelijkheid, om een Posthouder in Pacca te laaten blijven en de logie te Fettaa aan te houden, kunnen wij ons wel con¬ formeeren met de qualificatien welke UE de ministers ten dien eijnde hebben verleent, in hoope dat bij een gunstige omkeer van zaaken en zo haast het belang van de Comp„e vordert een resident in Decca- te plaatzen daar toe zal worden verkoozen een man die de nodige vereijschtens bezit om de Comp„e te doen genieten de voor¬ deelen welke als dan daarvan verwagt kunnen werden. Over den Verbeterden staat van deese Directie ten opsigte van de verminderde Lasten en vermeer, der de winsten in het boekjaar 176 / betuijgen wij ons genoegen- vertrouwende, dat de ministers sig bij consinuatie zullen bevlijtigen 59 om de zwaardrukkende Lasten zo veel mogelijk te reduceeren. Het smert ons in tuschen dat de Comp„ e behalven zo veele andere inconvenienten, als nog blijft bloot. gesteld aan diverse extorsien en geld 31 afpersingen, terwijl de Mooren- zig ten dien einde bedienen van allerhande pretexten, zonder dat zij zig aan de gegrondheijd vande daartegen gedaane verloogen ee, nigermaale- schijnen te stooren zijnde het wijders uijt de betaaling van het peeskes tot welker afgave de pal. nasche bediendens hebben moeten worden werden 183 Het aanmaaken van buskruijt reedssedert. eenigen tijd op bevel van de Hooge Indische Re„ hernaald. werden gequalificeert, gemakkelijk af te lijden, hoe wijnig staat er is ser„ maaken op het onderhouden van het Contract aan de zijbe der Mooren„ Wij landeeren wijders het gedrag dat de Directeur Taillefert ten aan„ zien van de Engelschen heeft gehou¬ den; want schoon de voorsigtigheid en het belang van de Comp„e imn de presente omstandigheden, nood¬ wendig vordert alle onlusten met. dezelve, zo veel maar immers. mogelijk is, te vermijden moeten achter 's Comp. s voorrechten niet verwaarloost, maar in tegen deel met bescheijdentheijd naar vermoo¬ gen gemaintineerd werden op de bedenkingen welke door de ministers aan UE zijn voorgesteld dat de Engelschen eenige informa„ tie zouden hebben gehad van diver¬ se secreete besluijten, in der daad zijn gegrond geweest moeten wij onge„ decideert laaten, dog dit is tot onz„ leedweesen te meermaalen maar al te klaar gebleeken. —, dat het te Batavia niet heeft ontbrooken aan geering gestaakt zijnde, is dat verbodj ongst weder alles te eviteeren was aan de luyden die alhun vermogen hebben in het werk gesteld, om UE allerge„ heimste besluijten te ontdekken en daarvan ten nadeele van de Comp. e gebruijk te maaken. Het voorgevallene met de ver¬ dere vreemde Nazien voor bedeels. houdende en in het bijzondere ap¬ probeerende het gedrag van de ministers met opsigt tot de deenen noteeren wij verder, dat ons wel ter hand gekomen zijn de memorien door den Heer Directeur Taillesers geformeerd, zo wegens de ontstaa¬ ne onlasten in den Jaare 1759. tuschen de bediendens van de nederlandsche en Engelsche Comp„e als ter beantwoording van de Klachten door de Directeuren van de fransche-tegen de Neder landsche Compagnie ingebragt welke een en ander ons veel genoe¬ gen hebben gegeeven, en waarvan wij tot zijner tijd het nodige ge= bruijk zullen maaken Hoe zeer het ook raadsaam zij luijden Mooren 184 In die op den 15=e Aug„s 1765. en wij zijn teegenwoordig„ argwaan te geeven, of zig aan moeijelijkheden veeltijds aanleiding geevens. herhaald bij Resolutien genomen in Raade van Mooren eenige gegronde argwaan om na den regen tijd was buskruijd te laaten aanmaaken, en wij zijn van oordeel dat daarmede wel zoude mo„ gen werden gecontinueert, al was 't maar om 's Comp„s recht te conser„ veeren en de mooren daarvan niet te ontwennen, te meer om dat wij lichtelijk kunnen begrijpen dat gelijk de Directeur Taillefert met opsigte tot het poinct van eijge- recht oeffening heeft aangemerkt, het afsien van een privilegie-ligt zou de Kunnen zijn van schadelijke gevolgen en veel tijds ten reguar„ de van andere in consequentie werden getrokken. De herhaalde dieverijen welke tot onze bijzondere ontstigting aan 's Comp„s Cassa gepleegd en dus lange. verborgen zijn gebleeven, absolaat vereijschende dat daar tegen alle mogelijke precautien werden ge- bruijk& willen wij verhoopen dat de¬ met de Engelschen en mooren op een voet dat het zoude kunnen geeven, hebben wij echter„ ongeraaden is, door diergelijke- zaaken, eenige niet kunnen des approbeeren het be„ bloot te stellen, waartoe de geringste dingen- sluijt dat de Ministers hebben genomen ordres welke de Directeur Taillefert heeft gesteld op het nazien van de Cassa, aan het bedoelde oogmerk in het toekomen. de zullen voldoen, UE teffens recomman¬ deerende om wegens het voorleedene de Compagnie zo veel mogelijk schaa deloos te doen stellen. Der Ministers dispositien no„ pens de Huijselijke Zaaken en UE daar op genomen besluijten passeerende zullen- wij len aanzien van dit artikel alle noteeren dat wij met genoe gen hebben gezien Ulatten tie om aan de Compagnie te kunnen doen vergoeden. de schade die zij niet zelden komt te lijden bij insolventie van haare dienaaren, en waar in ten hoogsten noodzaa¬ kelijk was dat hoe eerder, zo. beter wierde voorsien ordres n2
English
185 Congratulations to the Noble Lord Hasselaar. Expenses on the sailing and rowing vessels in the year 1764. Resolution to purchase some required equipage goods. Repeated difficulty of the purchased. Disposition on the report concerning the raising of the buoy casks. And since it has appeared to us from an extract of the well-mentioned letter of their Honorable High Mightinesses dated 25 October 1764 concerning the appointment of the Noble Lord Mr. Pieter Kornelis Hasselaar as Extraordinary Councilor of the Indies, we neither can nor wish to refrain from respectfully congratulating his Honor thereon. For the favorable passing of the incurred expenses for the repair of the sailing and rowing vessels belonging here, in the year 1762/3, we express our obligation to Your High Nobilities. In the financial year 1764/5, ƒ 40,914 8 8 was spent on the repair of those vessels, being ƒ 3,365 11 8 less than the previous financial year, yet still ƒ 12,314 8 8 more than was budgeted for it. The memorandum prepared thereof by the Equipage Master Lukas Zuijdland was passed by us at the session of the 10th of this month, subject to Your High Nobilities' desired approval. Furthermore, upon the representation made by the aforementioned Equipage Master regarding the necessity of various ropery and equipage goods, both to satisfy certain requisitions and for the repair of the sloops, pilots in bringing in, we authorized him on 23 July to purchase the one and the other at the lowest price; as was also done according to the resolution of 19 April with 5 barrels of tar, and six iron and wheel hawsers, likewise required for the sailing vessels, on which occasion we also, since the repeatedly mentioned Zuijdland declared that the coir ropes received from Ceylon were too thin to safely entrust the sloops to them, found it proper to have the re-laying of coir ropes etc., the same re-laid from three to two. It was also further approved, on 11 December last, likewise on account of the demonstrated necessity, to have some more ropery goods purchased. Furthermore, on 26 June of the past year, the report was submitted concerning the raising of the buoy casks, whereby it was seen that through the breaking of the chains all the cannons had been lost; thus, as no more unserviceable cannons were at hand, it was found proper to use for this purpose the large stones that were sent here for that end, furthermore to have new chains made, of which in total only 413 lb was salvaged, and to write off the lost items to ship expenses. The buoy casks were subsequently replaced in their proper positions, and a report thereof was received at the session of 29 July, when, concerning the difficulty raised by the pilots regarding the deep-drawing ships over the shallowness of the river below the Haaze Spruit, such a resolution was taken as is noted herebefore under the reply to the Extracts from the Fatherland. However, the stones are too light to make the buoy casks remain in place. three heavy ropes from the Fatherland declared. Furthermore, on account of the great loss of ropes, we have
Dutch transcription
185 Felicitatie van den Edelen Heer Hasselaar. Ongelden aan de zeil en roei vaartuijgen in A:o 1764 Beluit tot het inkoopen van eenige benodigde Equi page goederen herhaalde zwaarigheid der ingekogt dispositie op het rapportie. geno het ligten der Tonnen boeijen En dewijl, ons bij een Extract uit welm: Hunner Wel Ed: Hoog Achtb: missive van den 25„e October 1764. is gebleeken de benoeming van den Edelen Heer Mr Pieter Kornelis Hasselaar, tot Extra ordinaris Raad van Indie, zo kunnen nog willen wij niet afzijn, zijn Wel Ed„s daarmede eerbiedig te kongrasuleeren. Voor het gunstig passeeren van de gedaane ongelden bij de Reparatie van de hier ter huis hoorende Zeilen. roei vaartuigen, in A„o 176 2/3. betuigen wij U Hoog Ede lens onze verplichting. In het Boekjaar 176 4/8 is tot. de herstelling dier vaarthuijgen bekostigd ƒ 40914„8. 8„ zijnde ƒ3365„11„ 8. minder als het voorige Boekjaar, echter nog ƒ 12314„8„8, meer als daar voor is bepaald. De Memorie welke daarvan door den Equipage meester Lukas Zuijdland is geformeerd, hebben we. ter sessie van den 10=en dezer, op Uwer Hoog Eden, rens gewenschte goed keure gepasseerd. Voorts hebben we op de gedaane verlooning, door voormelde Equipagemeester wegens de benodigdheid van verscheide Baan en Equipage-goederen, zo tot voldoening van sommige-Eischen als tot de repa- Loossen in het binnen brengen ratie van de sloepen hem op den 23e. Juli, gequa¬ lificeerd om het een en ander ten minsten prijze in te koopen; zo als volgens besluijt van den 19e april ook geschied is met 5 vaten Teer, en sien ijzer en wiel trossen, al mede voor de zeil vaarthuijgen benodigd, wanneer we teffens, nadien meermelde zuijdland verklaarde dat de van Ceilon ontvangene Kaijersouwen, te dun waren, om de sloepen er met gerustheid aan te het verslaan van Kaijertouwenenz: kunnen vertrouwen, hebben goed gevonden, dezelven van drie tot twee te laaten verslaan. Ook is nader of op den 11=e December jongstleeden, al mede om de vertoonde benodigheid goedgevonden, nog eenige- baan goederen te laaten opkoopen. Voorts is op den 26„e Juni a. p. ingediend het Rapport. wegens het ligten van de Tonneboeijen, waarbij gezien zijnde dat door het breeken, van de Kettings alle den Kanons waren verlooren geraakt, zoo is, alzo men geen onbequaam Kanon meer aan handen had, goed gevonden daartoe de groote steenen, welke ten dien eynde zijn herwaards gezonden, te gebruijken, voorts de Kettings waarvan in 't geheel maar 413 lb geborgen was nieuw te laaten aanmaaken, mitsgaders het verlooren ne op onkosten van Scheepen afschrijven. De Tonne boeijen, zijn vervolgens weder op de behoor lijke plaatzen gelegd en daarvan het berichtinge komen ter sessie van den 29. e Juli wanneer men op„ van de diep gaande scheepen de daarbij door de Lootsen gemaakte zwaarigheid over de ondiepte der rivier, beneden de Haaze spruis¬ zodaanig besluit heeft genomen, als hier voor onder de be„ antwoording van de Patriasche Extracten is genoteerd Dog de steenen zijn te ligt om de Tonneboeijen daarvoor te doen blijven leggen. drie Zware vaderland sche touwen Voorts hebben we overmits het groot verlies van touwen verklaarde bij
English
186 taken with cares to prevent all frauds in private trade. Complaint of a pilot against the skipper of Kattendijke. Sale of specie. Yield thereof. Cargo of the vessel Ysselmonde. with the bringing in of the ships, seeing our stock so far reduced through the necessary supplies to the homeward-bound ships, that we, on the 26th of November, upon the declaration of the Master of the Equipage that Bleiswijk still needed to have at least two ropes, and since Welgeleegen was also lacking one, had to resolve to have three heavy European ropes purchased, as was then done at ƒ1531.3.- each, because the coir ropes, according to the statement of the aforementioned Master of the Equipage, are only of use here in the river. It will, as we believe, not be improper to note here that we, on the 20th of August of last year, upon a request of the Fiscal Kornelis Rietveld, thought fit to order the authorities of the ships arriving in the Ganges, by a written ordinance, first to send all their goods hither before selling the same; in order thereby to be better able to counter and detect all frauds and abuses concerning the permitted cargoes, which is otherwise not well feasible, as well as to give the inhabitants of our colony an opportunity to earn a penny, in which the roaming Englishmen otherwise too much stand in their way. Further, complaint having been made to us by request by the Pilot George-Christoffel Herlits concerning some ill-treatment done to him by the skipper of Kattendijke, Leendert van der Linde, we thought fit on the 17th of September to place the same into the hands of the Fiscal Rietveld, to conduct the necessary investigation into the merits of those complaints; the outcome of which, not being worthy of citation here, is to be found among the trial papers against the aforementioned van der Linde. On the ship Ysselmonde, no repairs needed to be done, and the same is, according to the accompanying declaration of the officers, in good condition. Also, upon the request of the Skipper Arent van der Deuren, which was submitted on the 25th of February, the requested necessities and provisions for 4 months were granted, and regarding the delivered cargo, disposition on the unloaded vessel. it was only on the 15th of this month that the finding was submitted, whereupon we, according to the Regulation, resolved to pass the shortage on the Japanese copper and the tin for write-off as not exceeding what is permitted by the Regulation, as well as the broken porcelain, and to credit the ship's officers for that which on the nails, on which only 1/3 percent, and the arrack, where only 7 3/6 percent was found to be short, may be validated above that, as well as with 2 23/30 percent overweight on the salt, alongside another 13 1/3 percent according to the Regulation. Under the sale of gold and silver, after the rest has already been reported, we have solely to mention herewith the sale of the Persian rupees and imperial dollars that had been in stock, the former at s:a r:a 92.- per 100 s:s weight and the other for s:a r:a 198.- per 250 sic: rop: weight, according to our resolution of the 18th of February, according to the yield hereunder. 187 Item of the minting of bar silver brought by Schagen. Yield of the undermentioned silver specie brought per the ships to be named from the places to be named, sold on the date standing to the side and the prices following thereon, as appears from the ordinances drawn up thereof and the general cash-book kept under the Chief Administrator Menso Isinck, with demonstration of the charged cost, and what accordingly has been gained or lost thereon in total and per cent, namely: Brought. Sold for. From. Per. On 15 Feb. Sicca Rupees. In Guilders are charged. Profit. Loss. Profit. Loss. Per piece. In total. Per piece. In total. In total. Per Cent. 3568 pieces Imperial dollars weighing s:r 8639 1/2 at 198 per 250 s:a Batavia Scholtenb: 5: 24: 8 36/46 1. 12 ƒ 3.-.- ƒ 10704.-.- ƒ 72. 16. 3 1/2 ƒ -.-.- ƒ - 13/64 p:c -.-.- 86660:-:- Nadries silver Persian 50596 1/4 92 100 ditto ditto 46824. 13.- 17.- 4 73745. 17. 6 1/2 -. 17. 8 75827. 10.- -.-.- 2078. 12. 9 1/2 -.-.- 2 23/32 p:c 40705 1/2 - Double and single Persian rupees 39871 7/8 92 100 Ceylon Bleiswijk 36682. 12. 2 8: 6/8 57731. 13. 2 1/2 1. 9 13/32 59596. 2.- -.-.- 1822. 8. 13 1/2 -.-.- 3 15/16 s:s 36006 1/2 -. Rupees silver ditto 35004 92 100 Batavia Scholtenb: 32203. 13. 1 8: 2 2/4 50720. 16. 2 1/2 1. 8.- 50409. 2.- 311. 14. 2 1/2 -.-.- 4/15 p:c -.-.- 8 3256/4000 marks Mark reals 183 92 100 ditto Schagen ditto 165. 6. 3 2: 3.- 4 239. 8.- 25. 15. 13.- 265. 3. 13 29.-. 8.- -.-.- 25. 15. 13 10 2/5 p:c Told- ƒ 396776. 2.- ƒ 430. 8. 17 1/2 ƒ 3901. 1. 7. - - - - - ƒ 393255. 9. 4 1/2 The sale deducted from the purchase, and the profit from the loss: 43255. 9. 4 1/2 - 410. 8. 13 1/2. Remains still a loss of: ƒ 3490. 12. 1. Agrees ƒ 3490. 12. 15 1/2. The 17th of March, Year 1766. Underneath stood: Hughli in Fort Gustavus. Of the minting we also have only to report that the 1631 bars of bar silver brought here with Schagen, being minted, yielded us the return which follows with the specification hereunder, and from which it appears that each mark troy assaying 13 pennings 20 grains, charged at ƒ 37. 14. 5 3/4 has yielded: 35. 6. 2 1/4 thus lost 2/36 per cent or per mark: ƒ -. 24. 13 3/4. Yield.
Dutch transcription
186 genomen mes Cares om alle brandes in particulieren n Negotie se verkinderen Klachte van een Loot= over den schipper van Kattendijker verkoop van specien Rendement daarvan verde laading monder gedaan sij het binnen brengen van de sche,pen onzen voorraad door de nov zaakelijke verstrekkingen aan de retour schepen zo verre ver„ mindert gezien, datwe op den 26=e November op de verlooning van den Equipagemeester, dat Bleiswijk nog ten minsten twee touwen diende te hebben, en dewijl 'er op Welgeleegen ook een ontbrak, hebben moeten besluiten, drie Europ asue geene reparasien an ssel zwaare touwen te laaten opkoopen, gelijk dan ook tegen ƒ1531„3: 't stuk geschied is, nademaal de Kaijer touwen, een lijk volgens het zeggen van voormelden Equipagemeester hier ersreking aan dien in de Rivier van gebruijk zijn 'T zal zo wij gelooven, niet ongevoeglijk zijn, hier te no„ den Fiskaal Kornelis Rietveld, hebben goedgevonden den overheden, van de, in de Ganges Komende Schepen, bij een schriftelijke Ordonnancie te gelasten, alle hunne goederen alvoorens dezelve te verkoopen, eerst herwaards te zenden; om daardoor, zo wel allefraudes en morsserij¬ en omtrent de gepermitteerde lasten te beter te Kunnen tegen gaan, en ontdekken, 't welk anders niet wel doen. lijk is, als ook de ingezetenen onzer Kolonie, gelegen¬ heid te geeven, een stuivertje te winnen, waartoe hen anders de op en neer zwervende Engelschen te zeer in den weg zijn. Wyders door den Loots George- Christoffel Herlits aan ons bij Request geklaagd zijnde; over eenige kwaade. bejegeeningen, hem, door den schipper van Kattendij„ ke Leendert van der Linde- aangedaan, zo hebben we op den 17e. Septbr. goedgevonden het zelve te stellen en handen van den Fiskaal Rietveld, om na de gegrondheid van die Klachten het nodige onderzoek te doen; waarvan de uitslag niet waardig hier te worden aangehaald bij de procespapieren tegen voorm: van der Linde te vinden. Aan het schip Ysselmonde, hebben geene reparatien behoeven gedaan te worden, en het zelve bevind zig blij¬ kens de nevensgaande verklaaring der Officieren in goe„ den staat. Ook zijn op het Request van den Schipper Arent van der Deuren, dat op den 25„e februarij is inge diend, de verzogte benodigdheden en provisien voor 4. is eerst den 15„e dezer de bevinding ingediend waar op wer volgens het Reglement hebben beslooten de minderheid op het Japans Koper en het Thin als niet ex cedeerende, het gepermitteerde bij het Reglement ter afschrij vinge te passeeren als mede de gebrookene porcelleinen en de scheeps overheden te bevoordeelen, voor het geener op de spijkers op welke maars proc„r, en de arak waar op maar 7 3/6 pro C. to is te min bevonden, daar boven mag ge„ valideert worden, als mede met 2 23/30 pC=o overwicht op. het zout, nevens nog 13 1/3 pr C„t volgens het Reglement Onder den verkoop van Goud en zilver, hebben we nadien van het overige- reeds is verslag gedaan, bij deeze eenlijk te melden, den verkoop van de in voorraad ge= weest zijnde Persiaansche- Ropijen, en keijzerdaalders de eerste tegen s=a r„/a 92„ —. de 100 s„s Zwaarte ende andere voor s.. r.„o 198 - de 250 sik: Rop: zwaarse volgens ons besluit van den 18' Febr: volgende het Rendement hier onder teeren, dat we op den 20„e Aug„s a. p. op een Request van pdispositie op de witgelee maanden toegestaan, en omtrent de uitgeleeverde Lading we bodem. 187 item van de vermanding van baar zilver met schagen aan„ gebracht Rendement van d' onderstaande zilvere spetien Aange„ bragt Per de te meldene Scheepen van de te noemene Plaatzen ver kogt op de ter zijde staande datum en de daar aan volgende Prijzen, blijkens van het zelve opgemaakte Ordonnan kien en het groot Cassa- Boek onder den Hoofd Administrateur Menso Isinck berustende, met demonstratie van het aangereekende kostende, en wat volgens dien daarop in 't geheel en pro cento gewonnen, of verlooren is, Namelijk Aangebrag verkogt voor. Aan Guldens zijn aangereekend Winst Verlies Winst Verlies 'T geheel. '1 p. s 'T geheel: 'T Geheel Van Per d: 15 febr Siccarops. Per Cento. 1 p„s 3568. sas Keijzerdaalders weeg „rs =r 8639½ a „o 198 de 250 „s1= Bataria sho to ep 5 : 24 : 8 . 3 6 / 6 1. 12 ƒ 3. —. — ƒ 10704. —. — ƒ 72. 16. 32. ƒ —. —. — ƒ— —13/64 r=m —„ — 86660: —: Nadries zilvere Persiaanse „ 50596¼ „ „ 92 „ 100„ „ _o _„o _o 46824. 13„ —„ 17„ — 4 „ 73745„ 17. 6½„ —. 17. 8 „ 75827„ 10„ —„ —„ —. —„ 2078„ 12. 9½„ — —„ —„ —„ 2 23/32 r=m 40705½ — Subb„ en En k„n Persiaane rop: „ 39871 7/5 „ „ 92 „ 100 „ „ Ceijlon Bleeswijk —„ 36682„ 12„ 2„ 8„ 6 /8 „ 5773„ 13. 2½. 1„ 94 13/32„ 59596„ 2. —„ —„ —„ —„ 1822„ 8. 13½„ —„ —„ —„ 3 15/16 s„s „50409. 2„-„ 311„ 14. 2½„ —„ —„ — 4/15 p.„o „ —. —„ —„ 36006½ —. Ropias zilvere _ o „ 35004 „ „ 92 „ 100 „ „ Batavia scholtenb: _„ 32203„ 13„ 1 8: 2 2/4 „ 50720„ 16. 2½„ 1„ 8„ -„ 5 marca Tmarca 10 2/5 ch „ 239. 8. —. 25. 15. 13„— 265. 3„ 13„ 29. —„ 8„— 8 3256 marcq Marcq Realen „ 183 „ „ 92 „ 100 „ „ _„o schagen _„o 165. 6„ 32: 3. —4„ ƒ396776„ 2. — ƒ 430. 8„ 17½ ƒ 3901„ 1. 7. - - - - - ƒ393255. 9. 4½ Teld- Den Verkoop van den Inkoop, en de Winst van het verlies afgetrokken _ _ _ _ _ _ _ _ - - - - - - „ 43255. 9. 4½ . - - -410„ 8„ 13½. - - - - - - - - - ƒ 3490:12. 1: Accordeerd ƒ3490. 12. 15½. Rest nog een verlies van. . . . Den 17=en Maart A o 1766. /:onderstond: Houglij in 't Fort Gustavus van de Vermanting hebben we ook zenlijk nog te berig ten, dat de 1631 Staven Bhaarzilver, met Schagen alhier aangebragt, vermunt zijnde, ons daarvan het Rende mens is geworden, 't welk met de specificatie hier onder volgd, en waar bij blijkt dat o Marcq Trois essaijeerende 13 penn. 20 grijn aangereekmnel ƒ 3„ 7: 14 58/4: - - - - - - - - „ 35„ 6„ 264. afgeworpen heeft. . . .. dus verlooren 2/36 pro C=o of per Mark - - - - - - ƒ — „ 24„ 13 3/4. Rendement . 1
English
188 Cannagooij - - - - - - - - - - - 3. 2. — Harcarra - - - - - - - - - - - Warehouse Master - - - - - - - - - - 8. 4. — Amiens - - - - - - - - - - - - - - - 18. 6. — Yield of 1631 bars of Bhaar silver booked at 8 Marcq Troy each is Marcq Troy 13048 and according to the fineness of 11 Penningen 20 grains Marcq are 12866. 9. 5. being upon weighing by the ordinary Company at Kassembazaar the aforementioned bars all found to be 8 Marcq Troy, brought by the ship Schagen from Batavia into this Directorate, and subsequently brought from the said Office Kassembazaar here for minting, have after stamping into Siccas of 10¼ Massa or 31½ stivers heavy money yielded as specified in detail below; Having been 13048 Marcq Troy or 12866. 9. 5. Marcq fine Bhaar silver, in 1631 bars at 8 Marcq Troy each, which in Rupees weight yielded sicca rupees weight . . . . . . . 275950. —. f 434621. 5. —: less 1¾ per Cent melting loss - - - - 462. 5/8 0 11 0 13 15. 7. 8. these bars having been processed with the scraps fallen during melting in 10 melting and weighing days, there was dispensed of this silver according to custom as follows On the Melting Day To the Melters and blowers . . . . . . . Sicca rop. To the Assayers . . . . . . . . . . . To the Secretary . . . . . . . . - - - - - - - - To the Dherroga . . . . - - - - - - - - his Naib's gift . . . . . . . . . . 2. 12. To the Overseer of the Mint his gift - 4. 8. To the Percaars . . . . . . . . . . . . . 4. —. To the Peons . . . . . . . . . . 2. —. To the Brahmins of the Mint Chiefs - - 2. 4. To the Harcarrao - - - - - - - - - - 2. —. To the Warehouse Master . . . . . . . . . 2. —. To the Amiens . . . . . . . . . . . . . 4. —. To the Beggars . . . - - - - - - - - - - 2. —. 8. 8. And for 10 ditto - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 587. 8. —. On the Weighing Day To the Assayers who take the assay . . . Sicca rop. 10. —. To the Weighers who weigh out the blanks - various petty Expenses - - - - - - - - - - 6. 8. materials for the small Assay - - - - 1. 4. ditto for the large ditto - - - 1. 12. To the Head Refiner who takes the large Assay of rop: 100 - - - - - - - - - 187. 5. — amounts for each weighing day sicca rop: And for 10 ditto - - 280. —. The Extraordinary Charges sum up to - - 867. 8. 3/63 1366. 6. 8. thus net into Rupee blanks - - - - - - - - - - 270253. 4/34 25649. 1. — From which the Toll and Mint dues, as for wastage to the Dherrabs 1/5 percent sicca Rupees alone to the King: . . . . . . - - - Sicca rop. 2500. — Dherrabs wages - 125. — To the Scribes and Mint servants . . . . 237. 8. Smelters and Coal - - - - - - - - 50. —. – 2975. — To the Melters - - - - - - - - - - - - Per rop. 37. 8. — To the Weighers - - - - - - - - - - - - - - - - 37. 8. — To the Die cutters . . . . - - - - - - - - 9. 6. To the Stampers . . . . . . . . . . . . . 14. 8. — To the Dherroga . . . . . . . . . . . . . 45. —. —. To the Moeserief - - - - - - - - - - - - - 22. 8. —. 62. —. 263. — 3363. 4. — Amounts per Lakh or 100000 Sicca Rupees - - - - - - And on this sum - - - - - 9083. 8/3 Thereupon from this bhaar silver came clear the sum of Sicca Rupees 263169. 1. 21/14 4. 134214. 4. having for the assays taken in the Mint for this silver consumed 24 lb Raw Lead was signed: in the Residency Karriem-abaad last of January 1766 signed: A. Tobias. A. Bogaard. Anthz. Per Marcq The whole 13048. —. — Marcq Troy 12866. 9. 5. fine Bhaar silver in 1631 bars at 8 Marcq Troy each fine 11 Penningen 20 grains which were charged with the Hugli Transport Expenses - - - - - f 31. 7. 14 26/44 409637. 13. 5. and upon Yield give the Marcq 520 13 f 31. 10. 8 5/64. - . . - f 431342. 10. 8. from which deduct the Residency Expenses. see Memorandum . . . . . 2587. 36: — 33. 6. 2 16/ f 408514. 12. — f 123. 1. —: — 1/12 was signed: In the Residency Karriem-abaadh. last of January 1766. was signed: A. Tobias, A. Bogaard. Anthz. Loss The whole Per Marcq Per Cent Specification of the Yield annexed hereto of 1631 bars of Bhaar silver under the date hereof sent here from the Kassembazaar Office for minting, with a demonstration of how many Marcqs Troy and fine ditto the same consisted of and was booked for, what the Marcq Troy in its entirety was accounted for and yielded, as well as what after deduction of the Residency Expenses per Marcq and in total came thereof, item what in total per Marcq Troy and Per Cent was lost thereon; Namely Specification Further 3. 8. 5. 12. 8. —. 16. — 3. 2. — Assayers - -
Dutch transcription
188 „ Cannagooij - _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _„ 3„ 2. — „ Harcarra - - - - - - - - - - -„ „ Pakhuijsmeester - - - - - - - - - - „ 8„ 4„ — „ Amiens - - - - - - - - - - - - - - - „ 18. 6. — Rendement van 1631 slaven Bhaar zilver Aangeschreeven a 8 Marcq Trois ieder is Marcq Trois 13048 en volgen den ingehalse van 11 Penningen 20 grijn Marcq zijn 12866„9„5. zijnde bij toeweeging der ordinaire Gecomp te Kassembazaar voornoemde slaven alle s Marcq Trois bevonden, per het schip Schagen van Basa in deeze Directie, en vervolgens van gemelde Comptoir Kassembazaar alhier ter vermunting aan bragt hebben na verstempeling in Siccas van 10¼ Massa of 31½ stuijver swaar geld afgeworpen als onder in het breede- gespecificeerd staat; Geweesen 13048 Marcq Trois of 12866„9„5. Marcq zijn Bhaar zilver, aan 1631 saven a 8 Marcq Trois ijder die ser man in Ropias gewi opgehaalt hebben sicca ropias swaarte. . . . . . . 275950„—ƒ434621„ 5„ —: af 1¾ per Cent smelt verlies. . - - - - . 462. /5 0 /1 1 0 13 15. 7. 8. deeze slaven met de bij versmelting gevallene Resas in so smels en uijtweeg daagen verwerkt zijnde is van dit zilver volgens gebruijk afgegeeven als volgt Op den smelt Dag Aan de Smelters en blazers. . . . . . . S. t rop. „ „ Essageure. . . . . . . . . . . . .. . „ „ secretaris. . . . . . . . - - - - - - - - „ „ Dherroga. . . . - - - - - - - - . . desselfs Naiben daan. . . . . . . . . . 2„ 12„ „ den opsigter der Munten zijn daan. - . „ 4„ 8„ „ de Percaars. . . . . . . . . . . . . . „ 4„—„ „ „ Pions. . . . . .. „ Bramenesen der Muntshoofden. - - 2„ 4. „ Harcarrao- - - - - „ Pakhuijsmeester. . . . . . . . . „ 2„ —. „ „ Amiens. . . . . . . . . . . . . . . 4„ —„ „ Bedelaars. . . - - - - - - - - - - „ 2„ —„ En voor 1do dito - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 587„ 8. -. Op den Uijtweeg Dag Aan d'Essaijeurs die d' Essaij trekken. . . s„a r o 10„ —. „ de Weegers die de mallas uijtweegen. . -. diverse kleine Guastos - - - - - - - - - - „ 6„ 8„ „materialien voor de kleine Essaij - - - -„ 1„ 4„ dito „ groote d„o - - -- 1„ 12. „den hoofd Raffineerder die de grote Essai van rop: 100 Trekl - - - - - - - - - „ komt voor ijder uijtweegdag siera rop: -. 280.— En voor 10 dito D' Extra ordinair e Ongelden sommeeren. . - - dus suijver tot Ropijen Mallas - - - - -- Waarvan de Tol en Muntsgeregtigheden, als voor spillage aan de Dherrabs /5 percent siera Ropijen solaan de Koning:. . . . . . - - - f.„r r„os 2500„ Dherrabsloon- „ - „ de schrijvers en Munts dienaaren. . . . „ 237„ 8„ „ Smits en Koolen - - - - - - - - „ 50. —. – 2975. — . . . . „ 2„ —. . . . . . . . . „ 2„—„ 8„ 8. „187„5„- „ de smelters - - - - - - - - - - - - P„r ro„o 37. 8. — „ „ Weegers - - - - - - - - - - - - - - - - „ „. stempel snijders. . . . - - - - - - - - „ 9„ 6„ „ Slempelaars. . . . . . . . . . . . . „ 14„ 8„ — „ Dhereoga. . . . . . . . . . . . . „ 45„ –„ –. „ Moeserief - - - - - - - - - - - - - „ 22. 8. —. 62„ ——. 263. „ 3363„4„ Komt perLak ofer 100000 Sicca Ropijen. - - . - - - - 3 En op deeze somma----- 9083. 8/3 Overzulx is van dit bhaar zilver limpe gekomen de somma van Suca Ropijen 263169 1 21/14 4 1342144 sijnde voorgenomene Essaijen in de Munt toe dit zilver verbruijks 24 lb Ruw Lood /:onderstond:/ inde Residensie karriem abaad kult„' Jann:o 176. /: geteekend:/ A. Tobias. A. Bogaard. Anthz 867 8 3/63. 1366. 6„ 8. - - - - - - 270253. 4/34 25649 1 — 'T Marcq Tgeheel 43048. —. — Marc, Trois 12566. 9.5: Malijn Bhaar zilver aan 1631 slaven a 5 Marcq Trois ieder fijn 11 Penn: 20 grijn die met de Hoeglise- Opvoers Ongel„ den aangereekend werden - - - - - ƒ 31. 7. 14 26/4409637. 13„ 5„ en bij Rendement geven het Marca 520 13 ƒ 31„ 10„ 8 5/64. - . . - ƒ431342. 10. 8. waarvan detraheeren de Residentie Ongelden. vide Memorie-. . . . . „ 2587„ 36: — 33. 6. 2 r6/„ 408514„12„ ƒ123: 1: —: — 1/1 2 /:onderstond:/ In de Residentie Karriem -abaadh. ultimo Iannuarij 1766. /:was geteekend:/ A: Tobias A. Bogaard. Anthz. 'T geheel Tmarcq Pro Cons Verlees Specificatie van het hier g'annexeerde Rende- ment. van 1631 Rlaven Bhaar zilver onder dato deezes door het Comptoir Kassembazaar alhier ter vermun„ ting gezonden met aanlooning in hoe veel Marcquen Trois en dito zijn het zelve bestaan heeft en aangeschree„ ven is, waarvoor het Marcq Trois in het geheel aangereekend en bij Rendement afgeworpen heeft, mitsgaders na agl trek der Residentie Ongelden per Marcq en in het geheel daarvan gekomen is, item wat in het geheel per Marcq Trois en Pro Cento daar op verloren werd; Namentlijk Specificatie Wijders „ „ „ „ „ 3„ 8„ 5„ 12: 8„ —. 16„— -- „. 125„ 37„ 8„— 3„ 2„ — Essaijeure - -
English
Appropriation of a part of the old mint balances and transmission of a report; the required dies will be made at Kassembazaar; report of the money spent at Hoegli; money will have to be negotiated at Kassembazaar. Furthermore, P.a. r.o 250 - or f443 - of the old mint balance has again been appropriated, and we enclose herewith a report from the Junior Merchant Haghadamius concerning the differing assay of some rupees successively received from the mint. After an attempt was made to have the dies demanded by Your High Nobles manufactured here, without this succeeding as desired, the commission thereof was assigned to the Kassembazaar employees; but by their letter of the 12th of this month, we have seen that, not daring to address the ordinary die-cutter in the mint in order not to make the matter public all at once, they looked out for another private skilled man, but had not yet found one. In the meantime, they had some blanks manufactured in advance, so that when an engraver is found, a test can be made thereon; and should we obtain any before the departure of this vessel, we shall send them along. We take the liberty, regarding the expenditure of money from the ultimate of August last to the ultimate of January last, to refer to the memorandum transmitted thereof, and have to add thereto that, in consideration that with Ysselmonde, contrary to all hope and expectation, not the slightest relief in silver or cash had been received, and one would therefore soon be in embarrassment for funds for the advance disbursements, we thought fit on the 29th of January last to order the Kassembazaar employees to send us two lakhs of rupees from their stock, which has already taken effect; and as we likewise would not be able to assist the Patna employees, whilst the time for making advances on the opium trade began to approach, we judged on the 18th of February not to let slip the opportunity that presented itself to obtain f.a r.o 50000 on interest at that office. The First Undersigned having agreed hereon with the Calcutta Council Member Mr. Randolph Marriott, who had offered this, the employees are authorized to receive that sum and to issue a bond for it at the usual interest of 3/4 per cent per month. The Kassembazaar employees, according to their letter of the 20th of January, have settled the accounts of the suppliers of doessoetjes and dungarees, and paid them what was due to them with f5998-18-5, whereas on the other hand, 1644-2 was counted into the treasury from those who had remained indebted for rejected and deficient delivered cloths; besides which, according to their letter of the 12th of this month, the remainder of the amount for the delivered goods was paid to the suppliers of silk fabrics with f39625-15-8, together with the earned interest both to them and to those of the cloths with f10552-11-8, and f4725 - disbursed on reeling wages, as well as f7575 for the purchase of raw mocha; and as their stock of cash amounted to no more than P.r r.o 13000 -, of which the largest part was employed for the expenses of the zellingi, we have authorized them to take up money at interest according to the requirements both for trade and for the household. Patna provided with bills of exchange; contract of Dhaka cloths; two unsound merchants partnered with a wealthy one; the payment of the estimated price of the cloths reduced by 25 per cent. Besides the considerable sums wherewith the Patna employees have successively provided themselves, they have, in their letter of the 16th of January, given us advice of L.a l.o 101652.12 on different bills of exchange, from which they have again paid off several bonds with interest amounting to L.a r.o 28827-12, and further, according to their letter of the 14th of February, advanced L.a r.o 4000 on packing, as well as delivered a bill of the saltpetre account at f.a r.o 26249-6½ to the English gentlemen. We have otherwise reminded them, in order not to be brought into embarrassment, of our order given last year for P.r r.o 30000 for the purchase of raw Patna silk, not to draw more on us than the absolute necessity for that year required. Having already mentioned the principal points concerning the article of the cloths, it remains to be added here that the memorandum of the distribution of the contract for the year 1766 is inserted by resolution of the 15th of February, where is also to be found the memorandum of the Dhaka and Jugdea cloths, the procurement of which has again been entrusted to the supplier Santokraat; however, it was not possible to agree with him regarding any other sorts than only the seerhaudconnaes, the keper, the humhums, and baftas, while the rest demanded had to be waived because of the high prices. For the rest, we have again given a share in the advance disbursement at the new contract to the merchants Herri Kussenboos and Biersjoe Boos, whom last year, in order somewhat to maintain their credit, one had not wished to dismiss, but had allowed to deliver from their own purse, since the merchant Kommelboos, who previously delivered on credit, showed himself inclined to form a partnership with the two above-mentioned, and one is thus secured for the money by their being bound one for the other. Also, instead of the payment made to the suppliers on credit when they delivered a notable parcel of cloths,
Dutch transcription
189 inpalming van een deelder oude Munts restanten en overzending van een bericht de gerequireerde Stempels zullen de Kassembazaar gemaakt worden verslag van het geld Emploijte Hoegli te Kassembazaar zal geld genegotieerd moeten worden Wyders is 'er weder P„a. r„o 250„ - of ƒ443„- van het „van g'essaijeerde sihd rgpj e nde Munts restant in gepalmo en wij voegen hier neven een bezicht van den Onderkoopman Haghadamius, we„ gens het verschillende gehalte van eenige Ropijen successive uit de Munt ontvangen. Na dat men een proef had genomen om den door U Hoog Edelens gevorderde stempels hier te laa„ ten vervaardigen, zonder dat zulx naar wensch is gereusseerd, heeft men de Kassembazaarsche bedien„ dens de Kommissee daarvan opgedragen, dog bij hien schrijven van den 12=e deezer, hebbe we gezien dat. ze zig aan den gewoonen Stempelsnijder, in den muns niet durvende addresseeren, om de zaak niet op een maal ruchtbaar te maaken, na een ander partikulier behendigman, om zagen, dog nog niet opgedaan hadden. Intuschen hebben ze bij voor„ raad eenige stukken laaten vervaardigen, om als er een graveerder gevonden is, daar op een proef se¬ laaten neemen, en wij zullen als 'er ons voor het vertrek van dezen bodem, eenige mogten gewor¬ den, dezelve mede zenden. Wij neemen de vrijheid, ons nopens het geld emploi, van ult„o Augi af tot ult„o Ian„s jongstlee„ den toe, te gedraagen, aan de daar van overgaande Memorie, en hebben daarbij nog te voegen, dat we uit aanmerking, dat men met Ysselmonde, te, gen alle hoop en verwachting geen het minste De Kassembazaarsche bedienden hebben, vol„ gens hunne brief, van den 20=e Iannuarij, de ree„ keningen van de Leveranciers van Doesoetjesen. Dongrys verevend, en hen het geen zij te goed hadden met ƒ 5998„-18„5. voldaan, terwijl daar en tegen door de geenen, welke door uitschot en ontzet van zilver of Kontanten had gekreegen, en men dus wel haast om penningen, tot de vooruit verstrekking in verlegenheid zoude geraaken, op den 29=e Iannuarij jongstleeden hebben goed gevonden om de Kassembazaarsche bediendens te gelasten ons van hunnen voorraad, twee Lak ropijen, te doen toekomen, 't welk reeds gevolg genomen heeft; en alzo wij almede de Pattenasche bediendens, niet zouden kunnen adsisteeren, daar echter de tyd, tot het doen van vooruitverstrekkingen, op den am„ zioen handel begon te naderen; zoo hebben we op den 18=e Febr: geoordeeld, de gelegenheid die zig aan bood om ten dien Kantoore f„a r„o 50000„ - op Inser rest te bekomen, niet te moeten laaten ontslip, pen. De Eerst Ondergeteekende dan hier omtrent met het Kalkatscha Raadslid M„r Raudolph Marrio t die zulks had geoffereerd, zijnde overeen gekomen, zo zijn de bediendens gequalificeert die som te ontvangen, en daar voor een Obligatie tegen de gewoone rente van ¼ pro C=o 's maands aftegeeven. ontzel ten 190 gezet word twee wrakke Kooplieden met een der vermogende de betaling vande Ceem. prijs der Lijwaaten met 25 pro Cento vermindert se Lijwaaten te min uitgeleeverde doeken schuldig gebleeven waren 1644„2, is in Kas geteld; zijnde boven dien weder Boven dien blijkens hunne brief van den 12:e deezer aan de Leveranciers van Zijde stoffen, het restant van het bedraagen der geleeverde goederen, met ƒ39625„15„8. ne vens de verdiende Interressen zo aan hen als die van de Lijwaaten met ƒ10552„11„8. betaald en op haspel„ loonen ƒ 4725„-, mitsgaders nog ƒ, 7575, den inkoop van zuwe Mochea verstrekt zijnde, hebben wehen alzo han nen voorraad van Kontanten niet meer dan P„r r„o 13000„- bedroeg waarvan nog het grootste gedeelde tot de ongelden de Zellingi geemploijeerd was, gequalificeerd om, na mate der benodigdheid zo tot den handel, als tot de huishouding, geld op Interest te neemen. patse Pattena met wissels doer Buiten de considerabele sommen waarmeede geassocieert de Pattenasche bediendens successive voorzien wazen¬ hebbende, ons bij hun schrijven van den 16e Jannuarij nog advis gegeeven van L„a l„o 101652, 12, op differente wissele, waarvan ze weder verscheide obligatien, met de Interressen belopende L. a r„o 28827„-. 12, hebben afbe„ taald, en wijders, blijkens hunne brief, van den 14e februarij L„a r:o 4000: — op Emballasie verstrekt, mitsgaders heer latoo, van de salpeeter reekening a f„a r„o 26249„6½ aan de Heeren Engelschen afgegeeven hebben.. Wij hebben hen voor het overige om niet in verlegen heid gebracht te worden herinnerd, onze ordre voorl„e P„r r„o 30000„ — tot den Inkoop van ruwe Patteni verseek, aanbesteeding van Dhavika. Over het artikel van de Lywaaten, ook reeds het Iaar gegeeven om niet meer op ons te trekken, als de ab¬ soluute benodigdheid voor dat Iaar vereischte voornaamste gemeld hebbende, vald' hier omtrent nog bij te voegen dat de memorie van de verdeeling der aanbesleeding voor A:o 1766. geinsereerd is, bij besluit van den 15„e. februarij, waar bij ook is te vinden de Memorie van de Dhakkasche en toegaiasche- Lijwaaten welker bezorging men den Leverancier Santokraat weder heeft opgedraagen; dog men heeft omseent geene andere soorten met hem kunnen overeenkomen, als alleen de seerbettier, de Keper de Hamans en Baftas terwijl men van het overige gevorderde, om de hooge prijzen heeft moeten afzien. Voor het overige hebben we aan de Kooplieden Herri Kussenboos en Biersjoe boos, welke men voorl: Jaar, om hun crediet eenigzins optehouden, niet had willen afdanken, maar uet eige beurse laaten leeveren, bij de nieuwe aanbesteeding weder deel in de vooruit verstrek king gegeeven, alzo den Koopman Kommelboos, die bevoorens op crediel heeft geleeverd, zig genegen toon der, om met de twee bovengem: een ploeg te formeeren, en men dus, door dien, de een voor de ander is verbonden, voor de penningen gesecureerd is Ook heeft men, in steede van de betaaling, welke aan de Leveranciers op crediel, wanneer ze een naam waardige partij Lijwaaten, hebben binnen geleeverd; Iaar gedaan
English
191 Result of the last pricing. Contracting of Doesoetjes and Dongrijs at Kassembazaar. Reason for this. Making of a partition in the cloth warehouse in Pattena. Price increase of silk, etc. is done, judged against the prime price that this is too much in the case of the delivery of defective goods, and therefore, in order to secure the Company more in that regard, and since the merchants had no objection to it, that payment was set at 25 per cent less than the prime price, which was also made known in the contracting conditions and is recorded in our resolution of the 18th of February. Since the mention made in our previous letter, a pricing has been held only once, namely on the 28th of February, when, however, no changes in the prices needed to be made, and only, because of the received news that the whole of Siam had been conquered by the Peguans, it was decided not to fulfill the demand for the Company's factory in that kingdom, and to allow the goods that might already have arrived for it, insofar as they could serve the purpose, to be used to supplement what was lacking in the demand for the other factories. We have already mentioned hereinbefore that Kassembazaar has already settled accounts with the suppliers of Doesoetjes and Dongrijs, and since, according to the letter of the employees of the 12th of this month, the same suppliers have declared that they will be able to deliver those linens for the same prices, unforeseen misfortunes excepted, we have ordered the contract for the required amount of those goods to be put out for the demand for 1766. As for the linens at Pattena, the employees informed us in their letter of the 16th of January that the advance of 25000 f r r made to the linen contractor had been necessary, as he was easily ahead by that much on the delivery; and we have furthermore, at their request, granted them permission to have a partition made in the cloth warehouse to store the sorted linens until the time they are packed, which will cost about 150 L a r o. With the repeatedly mentioned Kassembazaar letter of the 12th of this month, the samples of the adapangian from the November crop were sent to us, of which the first, or L d R. R., will come to cost ƒ 8 9 — — /5 per 1 lb, being accordingly 2 Strs 7 1/20 penn or 1½ per Cent approximately more expensive than in the preceding year, and the Tanni ƒ 7 16 15 69/56 per 1 lb L. A., being likewise 2 strs 3 35/0 penn more expensive than in the previous year, making 1½ per Cent approximately, which price increase, as reported in that letter, was caused by the fact that the English, seeming to have taken the resolution to keep the native merchants out of the silk trade, upon the harvest of the Patteni from the November crop, had by general order forbidden the sale of any Patteni to anyone besides themselves, and we being thus included under this, there was nothing for us to obtain, while in addition the country people were ordered, under a heavy fine, not to demand a higher price than what the British saw fit to determine. But this was the cause that those people did not want to go to work. Their plan to
Dutch transcription
191 uitslag der laaste prij. zeering aanbesteeding van Doe„ Soetjes en Dongrijs te Kassembazaar reeden van dien Aanmaking van een hek in het kleeden pakhuijs ien Pattena- gedaan word, tegen leems prijs geoordeeld, dat zulks bij leverantie van slecht goed, te veel is, en derhalven, om de Komp„e daar omtrent te meer te secureeren, en dewijl de Kooplieden 'er niets tegen hadden, die betaaling gesteld op 25 pro C,„o minder als de leems prijs, 'twelk ook bij de aanbesteedinge conditien is bekend gesteld, en genoteerd staat bij ons besluit van den 18„e februarij sedert het gend: bij onze voorigen, is maar een maal prijzeering gehouden, namelijk op den 28„e februarij, wan„ neer 'er echter geen veranderingen, in de prijzen heb, verduuring der zijde en- ben behoeven gemaakt te worden, en eenlijk, vermits de ontvangere tijding, dat geheel siam, door de Pe quaanen was overwonnen, beslooten, het geeijschte voor 's Komp„s Kantoor, in dat Rijk niet te voldoen en de goederen die daar voor reeds mogten zijn bin„ nen gekomen, in zo verre ze daartoe strekken konden, te laaten dienen om het onsbreekende, aan- het geeischte voor de verdere Kandooren te suppleeren, Wij hebben hier vooren reeds gemeld dat de Kaz„ sembazaar reeds met de Leveranciers van Doesoetjes. en Dongrijs, is afgereekend, en dewijl volgens brief der. bediendens van den 12„e deezer dezelve Leveranciers verklaard hebben, die Lijwaaten onverwachte tegen. spoeden uitgezondert, voor de zelfde prijzen te zullen kunnen bezorgen, zo hebben weken gelast, het gevorderde van die goederen bij den Eijsch voor 1766. aan te besteeden-. Wat de Lijwaaten te Pattena betreft, de Bedien dens hebben ons bij hunne brief van den 16„e Jannuarij gemeld, dat de gedaane verstrekking aan den Lijwabier van f„r r„o 25000„ - noodzaakelijk was geweest, alzo hij, wel zo veel op de Leverancie te vooren stond; en wij hebben hen wijders op hun verzoek, permissie gegeeven, om in het kleeden Pakhuijs, een hek te laaten maaken, om de gesorteerde Lijwaaten, tot de tijd dat ze afgepakt worden, te bergen, 't welk omtrent L„a r„o 150 zal kosten Bij meermeld Kassembazaarsch schrijven van den 12:e deezer, zijn ons toegezonden de monsters van de adapangian, uit den November teelt, waarvan de eerste of L„d R. R. op ƒ 8„ 9. — — /5 '1 lb zal te staan komen, zijnde over zulks 2 Strs 7 1/20 penn: of 1½ pr C„o sch„s duurder als in het voor gaande Iaar, en de Tanni ƒ7„16„ 15 69/56 '1 lb L. A. zijnde mede 2 sv=rs 3 35/0 penn: duurder, als in A„o p„o maakende 1½ pr C o schaar. welke verduaring, zo als bij dat schrijven gemeld isoro, ver„ oorzaakt is, door dien de Engelschen het besluijtschijnende genomen te hebben om de Inlandsche Kooplieden uit den zijde handel te houden, bij het uitkomen der Patteni uit den November teelt, bij tzomslag hadden verboden, om aan ie„ mand buiten hen, eenige Patteni te verkoopen, en waar onder wij dus begreepen zijnde, voor ons niets te bekomen was, terwijl daar en boven, den Land lieden op een zwaare boete gelast wierd, geen hooger prijs te eischen, als die de Britten goedvonden te bepaalen. Dog dit was oorzaak, dat die menschen niet aan 't werk wilden. Hunnen toeleg Wat om
English
192 authorization regarding the [illegible] of that spinning advance of money on raw Mochta- the trade in silk fabrics for Japan not turned out well to make themselves masters of the best Patteni, which having failed, and the Chief Bacherach strongly urging the English Chief, pointing out the consequences to be feared from these measures, an order was first sent not to include us in the aforementioned prohibition, and the same was subsequently also revoked with respect to the native merchants. Meanwhile, far from the English having gained any advantage through these coercive means, the Patteni on the contrary came to market much later and the price rose noticeably, as reported hereinbefore. After inspecting the aforementioned samples, we have decided to have the entire demanded 12000 lb of the adapangia prepared, and 20000 lb of the required 49000 lb Tanni, although we believe that, just as last year, such quantities will hardly be obtainable. Concerning the Tanni, it being reported that the last sort or L.a T was purified as much as possible from the coarse thread; so, since it appeared to us to be inferior to that of last year, we have recommended to the employees to be attentive in that regard, and above all to ensure that the quantities of the first sorts were reduced. At the request of the Kassembazaar employees by letter of the 31st of December, we have, in view of the approaching time for the collection of the raw Mochta, authorized them to advance a sum of money for that purpose at one time, and pursuant thereto, according to their letter of the 11th of February, Rs 10000 has been paid out for the purchase. The sample thereof has also already been sent to us, the mochta coming out to cost ƒ4: 17: 4 5/7 per lb first sort or L.a A, which is 4 stivers 10 3/14 pence or 4 5/6 per cent scarcely less than two years ago, nothing thereof having been prepared last year. Of this, we have decided to have the full demanded 15000 lb procured, if so much will be obtainable. The silk fabrics for Japan have not turned out as well as those for Europe. The employees reported concerning the same, in their aforementioned letter of the 11th of February, that the double plain Armozeens were generally found to be so common that, without a reduction in price, they could not have passed for even third sort, and they had allowed the suppliers, who would not agree to the price reduction of one current rupee per piece, to keep them, and furthermore, notwithstanding that they had offered them for half a rupee less, persisted in the previous decision; moreover, upwards of 50 pieces of the Dherries were rejected as unacceptable, as well as a lot of 20 pieces of sample fabrics, which were good in fabric, but because of some stripes that did not belong in them, were reduced in price by 4 annas current or 7 stivers per piece, which we have all approved, as upon inspection of several bales on the 15th of February it was found by ourselves that all the sorts are very thin and poor. Provisionally, negotiations have also already been held with the merchants regarding the new delivery of silk fabrics; but since not only the Patteni of the November crop has risen in price, but the March crop apparently, due to the great drought, will also not turn out well, and on top of that a great deal of Tanne, or prepared thread for fabrics, is to be bought for the English Company, which likewise will cause a price increase, the merchants have requested an increase of one current rupee or 28 stivers on the large and half as much on the small pieces, which one will nevertheless attempt to refuse. The fleet sent to Patna under Ensign Singelman, after a long and troublesome voyage caused by the heavily receding water and many shallows, only safely arrived there on the 9th of January; and from there, Sergeant Balthazar Berling was dispatched again on the 24th of the same month with 3034 maunds of saltpetre; concerning the transshipment of which salt, many obstacles were encountered at Jellingi, both due to the unusual shallowness of the river and the sailing up of a multitude of English vessels with ammunition goods. Since or on the 10th of February, Ensign Singelman also departed from there with 12 bales of linens and 400 whole chests of opium, who, having overtaken the aforementioned sergeant near Naddia, left him behind, as he could not proceed as well over the shallows with some heavily laden vessels, and in order that a part of the saltpetre should nevertheless be here early, took 21 of the lightest vessels, together containing 1091 bags, under his escort, with which he arrived below Naddia on the 10th of this month, yet was overtaken at night by a terrible storm, whereby, notwithstanding all means employed, 6 saltpetre vessels sank with 352 bags, of which no more than 34 reasonably good and 37 mostly dissolved were salvaged, while in two other vessels some bags also became wet from the breaking in of the water. The following night, yet another disaster befell that little fleet, a vessel with 20 chests of opium and one with 56 bags of saltpetre having run aground, whereby the former was broken in two, 10 chests became wet, and the other sprang a severe leak, and thereby 20 bags of saltpetre suffered much damage. On the 13th of this month, the aforementioned officer only first arrived here safely with the other vessels. So that during the drafting of this, there has not yet been time 193 a price increase is requested on the silk fabrics for this year various obstacles and accidents in the conveyance of the Patna saltpetre February
Dutch transcription
192 qualificatie omtrent het heeden van dat gespin uitzetting van geld op zuwe Mochta- de negotiatie van zyde stoffen voor Japan niet wel uitge om zig van de beste Patteni meester te maaken, das mislukt zijnde, en het Opperhoofd Bacherach, bij heb Engelsche Opperhoofd, onder vertooning van de gevolgen die uit deeze maat regulen te duchten waren, sterk aan dringende, is 'er eerst een ordre gezonden, om ons in 't voor„ melde verbod niet te begrijpen, en hetzelve naderhand ook ten opzichte der Inlandsche Kooplieden ingetrokken Intuschen verze dat de Engelschen door die dwang middelen eenig voordeel zouden hebben behaald, is in tegendeel de Patteni veel laater ter markt gekomen en de prijs merkelijk gesteegen zo als hier vooren ge„ meld is. Na bezichtiging van de voorm. monsters hebben vallen wij beslooten, van de adapangia, de geheele gevorderde 12000 lb te doen aan reeden en van de geeyschte 49000 lb Tanni 20000 lb schoon wij gelooven, dat'er, zo min als voorl: Iaar zodaanige quantiteiten, zullen te bemachtigen weezen. Omtrend de Tanni gemeld zijnde, dat de laatste soort of L.a 'T zo veel mogelijk ge„ zuiverd was, van de groove draad; zoo hebben wij al, zo ons dezelve minder is voorgekomen, als die van: voorl„e Iaar, de bediendens gerecommandeerd, daarom trens attent te weezen, en voor al de zorgen dat de quantiteiten van de eerste soorten verminderd wierden Op der Kassembazaarsche bediendens verzoek bij brieve van den 31. e Decbr: hebben wij hen mits de aannaderende tijd, tot den inzaam van de ruwer Mochta gequalificeerd, om daartoe een maalige somse mogen voor uit verstrekken, en ingevolge van dien is volgens hun schrijven, van den 11„e Februarij P.o. r„o 10000„ tot den inkoop afgegeeven. Ook is ons daarvan rads het monster toegezonden, zullende de mochtate staan komen ƒ4„ 17: 4 5/71 lb eerste soord off L„a A. 't welk 4 stvrs 10 3/14 penn: of 4 5/6 pro C„o schaars minder is als over twee Iaaren, zijnde in 't voorleede Iaar daarvan niets gereed. Hier van hebben we beslooten, de volle gevor„ derde 15000 lb als 'er zo veel zal te bekomen weezen te laaten bezorgen. De zijde stoffen voor Iapan zijn niet zo wel als die voor Europa, uitgevallen. De bediendens mel den omtrent dezelve, bij hunne voorm. brief van den 11=e februarij dat de dubb. effene Armozijnen, doorgaans zo gemeen bevonden zijnde, dat ze, zonder verminder„ ring van prijs, voor geen derde Coort hadden kunnen doorgaan, zij dezelve de Leveranciers welke tot de prijs vermindering van een Couranse ropij, per stuk niet hadden willen verstaan, hadden laaten behouden, en verder, niettegenstaande zij ze voor een halve Ropij minder, hadden aangebooden, bij het voorig be sluit gepersisteerd; zijnde wijders van de Dherries ruim 50 stukken als onaanneemlijk uitgeschoten, mits gaders een partij van 20 stukken monster stoffen, die van stof goedwaren, om eenige streepen die 'er niet in hoorden, met 4 anes Cour. t of 7 suivers het stuk, op de leems Mochla prijs 193 op de zijde stoffen voor dit Iaar word prijs verhooging gevraagt verscheide hinderpaalen en Ongelukken in den af prijs verminderd, 't welk wij alles geapprobeerd hebben, als zijnde bij bezichtiging van verscheide pakken, op den 15e Februarij door ons zelve bevonden, dat alle de soorten, zeer dun en schraal zijn. Provisioneel is ook reeds met de Kooplieden over„ de nieuwe Leverancie van zijde stoffen gehandeld; dan nadien niet alleen de Patteni van den November teelt in prijs is gesteegen, maar ook de Maarts teels apparend, door de groote droogte niet wel zal uitval len, en daar en boven dat 'er voor de Engelsche Kom¬ pagnie veel Tanne, of gereede draad tot stoffen staat ingekocht te worden, 't welk al mede een prijs ver¬ hooging zal te wege brengen, hebben de Kooplieden een verhooging van een courande ropij of 28 stve=s op de groote en half zo veel op de kleine stukken gevraagd 't welk men echter zal trachten te ontzeggen Denaar Pattena gezondene Vloos onder den Verdrie voer van Pattena se resoluven ingelman, is aldaar na een lange en sukkelachtige reizen, veroorzaaks door het zwaar afloopende water en veele droogten, eerst den 9=e Iannuarij, behouden aangekomen; en van daar is op den 24„e derzelfde maand weder gedepecheerd, den sergeant Balthazar Berling met 3034. maons salpeser; omtrent den overscheep van welk zilt, te Jellingi, veele kinderpaalen zyn ont„ moet, zo wel door de ongemeene ondiepte van de rivier als het opvaaren van eene menigte Engelsche vaar„ tuigen, met ammunisie goederen. sedert of op den 10en Februarij is ook de Vendrig Singelman, met 12 pakken Lijwaaten en 400 heele kisten Amfioen van daar ver trokken, welke den voormelden sergeant; bij Neddia hebbende ingehaald, heeft hij den zelven, als met eeni¬ ge zwaar belaadene vaartuigen, over de droogtens, zo wel niet kunnende voortspoeden, achtergelaaten, en op dat echter een gedeelte van de salpeter vroegtijdig zoude hier weezen, 21 van de lichtste vaartuigen, ter samen in hebbende 1091 zakken, onder zijn geleide ge„ nomen, waar mede hij den 10:e deezer, beneden Neddia gearriveerd, tog 's nagts door een vreeslijke storm overval„ len is geworden, waardoor niet tegenstaande alle in 't werkgestelde middelen 6 salpeser vaartuijgen zijn gezonken met 352. zakken waar van 'er niet meer dan „ 34 reedelijk goed en 37 meest gesmolten zijn geborgen ter wijl in twee andere vaartuigen, ook eenige zakken, door het in slaan van 't water zijn nat geworden. De volgen de kacht is dae vlootje, nog een ramp overgekomen, als zijnde een vaartuig met 20 kisten amficen en een met 56 zakken salpeser, op 't drooge geraakt, waar door 't eerste door midden gebrooken zijnde, 10 Kis„ sen zijn nat geworden en 't andere een zwaar lek gekreegen heeft, en daar door 20 zakken salpeter, veel schaaden geleeden hebben. Den 13„e deezer, is voormelde Officier, met de ande„ re vaarthuijgen hier eerst behouden gearriveerd. Zo dat onder het minuteeren deezer, nog geen tijd is Februarij geweest
English
194 expenses validated upon the transport of two small detachments, item for the transshipment at Tellingi and hiring of vessels, furthermore the general expenses on the aforesaid Patna, held auctions of merchandise and drinks. been to obtain the necessary declarations regarding the aforementioned accidents. Furthermore, on 7 February, the memorandum of expenses incurred by the Assistant Pieter van der Sluijs upon the delivery of linens and opium was approved, amounting to Sa. Rs. 1578 4 or f 2455, 15, and on the 18th of the same, that of the soldiers Jan van Bruggen and Melchior Bachman, upon the transport of 3000 bags of saltpeter, amounting to Sa. Rs. 1033 4 - or f 1595 17 5, and the validity of those expenses was confirmed under oath by the aforesaid Van der Sluis and the two military men, as appears from the judicial minutes inserted by Resolution of 18 February and the 10th of this month. Because the crews of the saltpeter vessels, according to the Patna letter of 28 November, refused to bind themselves any further than Tellingi, notwithstanding that the freight had to be paid as if they were to proceed all the way hither, we found ourselves under the necessity of hiring other vessels at Tellingi, the expenses of which, alongside those of the transshipment, according to the memorandum of the Cossimbazar cashier Daniel Overbeek, inserted and approved by Resolution of 18 February, amount to Sa. Rs. 4139 5 6 6/3 or f 6519 10 -. On the 18th of this month, a general memorandum having also been submitted regarding the expenses incurred on the Patna returns, amounting to f 59533. 10, we have resolved to deduct from it the f 1545 13. 5 included under that sum for subsistence money, and to transfer the same to the debit of ordinary rations, and whatever may still remain after deducting the 4 percent with which the returns are already burdened, to have settled under merchandise expenses. At the auction held on the 10th of this month, apart from the scenting silver, everything was disposed of, with such advances as the following return indicates, in which is also made known the private sale of 99662 lb of Japanese bar copper, with an advance of a good 178 386/4 percent. And since it was only recently discovered that 778 lb of vermilion, although already sold in March 1764, had remained lying in the warehouses, we auctioned it off for the account of the buyers and at the same time ordered them to pay the loss sustained thereon as well as the accrued interest since the aforementioned first sale. An auction was also held on the 17th of this month of the arrack, the outcome of which can likewise be seen in a separate return. From the first it appears that on a purchase amount of f 52231 5 - a net profit was made of f 58804 6 or 112 23/4 percent, and on the arrack f 2395 12 8 or a good 54 13/4 percent. 195 Return of the merchandise sold on the 10th of this month, both by public auction and out of hand, indicating the purchase cost, selling prices, profits gained, and losses incurred; namely: 6800 lb Tin: f 35. 16. —, f 6014 5. —, 43 1. 5, f 36 9. 5, f 2. 1. 5, f - -. -., f 20 6 0 9000 lb Spelter: 22 8: 8, 2015 5. —, 31 5 sts., 2326 8 8, 506 3. 6, — —. —, 40 64 a good 5500 lb Yellow Ochre: 13 19 8, 1437 — —, 17 152 2/5, 2133 1 —, 694 3 —, — — —, 48 1/15 12000 lb Hoop iron: 14. 16. —, 7234 5. —, 16. — 1 2/10, 543. 7. 8., 609. 2. 5., —. — —, 8½ sts. 100 lb Gold thread: 44 86 2/s, 480 3 8, 45 15 /, 9. 12. —, 399. 5. 8, —. —. —., 9. 5r 48880 lb Nails: 4 16. 8 —, 265 17 8., 7 5. 12 3/5, 400 18. 8., 135 13 —, — — —, 51 a good 1 piece damaged Sjappa Lens: 9. 15. 8, 9. 15. 8., 4 4. 8, 4. 4. 8., — — —, 5 13 —, — 99667 lb Japanese bar copper: 30 17 8, 30772 3 8, 86 —, 85713 12 8, 54943 9, — —, 178 3/14 Sum: f 52231 8 -, f 131035 14, f 58809 17 —, f 5 13 — The purchase deducted from the sale and the losses from the profits: f 52231 8. —, 5 13: — Remains for net profits: f 58804. 6. —, f 58804. 6. — at 112 23/4 percent a good At the bottom stood: Hughli in Fort Gustavus, 19 March Anno 1766.
Dutch transcription
194 ongelden bij den afvoer van twee smaldeeltjes gevalideerd item bij den overscheepte Tellingi en helinhuuren vallen voorts nog de generaale Ongelden op de voorsz. Paste. gehoudene Vendusien van Koopmanschappen en dranken geweest om de noodige verklaaringen, wegens de voor„ melde ongevallen in te winnen Voorts is op den 7=e. Februarij gepasseerd de Memorie der gedaane ongelden door den Assistent Pieter van der Slluijs, bij den afbreng van Lijwaaten en Amfioen groot s„a r„o. 1578„ 4. of ƒ 2455, 15 en op den 18e. dito, die van de soldaaten Jan van Bruggen, en Melchior Bach„ man, bij het afvoeren van 3000 zakken salpeter, groo„ P. . ro. 1033„ 4. - of f 1595„17„ 5. en is de deugdelijkheid dier= uitgaaven, door voorm. van der Sluis en de twee Militairen met Eede bekrachtigd blijkens de datr van bij Resolutie van 18e Februarij en 10„e deezer gein sereerde Iustitieele Notulen. Dewijl de Mansies van de salpeter vaartuigen, van vaartuigen aldaar ge volgens Pattenasch schrijven van den 28„e November. ap zig niet verder hebben wilden verbinden, dan tot Tellingi niet tegenstaande echter de vracht, als of ze tot herwaards zoude afgaan, heeft moeten betaald worden, zoo heeft men zig in de noodzaakelijkheid gevonden, om te Jellingi, andere vaartuigen te laaten in huaren, waarvan de ongelden, nevens die van den overscheep„ volgens memorie van den Kassembazaarschen Kassier Daniel Overbeek, geinfereerden gepasseerd by Resolutie van den 18e Februarij bedraagen fa. ro. 4139 5 6 6/3 over f 6519"10"-" Op den 18' deezer, nog gediend zijnde een generaal nasche Retouren gevallen Memorie, van Ongelden op Pattenasche recouren Rendement. groot ƒ 59533. 10, Zo hebben we beslooten daar af te trek„ ken de onder die som begreepene- ƒ1545„ 13. 5. voor Kost. penningen, en dezelve ten bezwaare van Randsoenen ordinaire te laaten overschrijven en het geen 'er naal trek van de 4 pro C.„o waar mede deretouren reeds zijn be= zwaard nog mogt overschieten, te laaten vereevenen op Onkosten op Koopmaanschappen Bij de Vendutie gehouden op den 10e deezer, is bui¬ ten het Ruikzilver, alles van de hand gezel, met zo¬ danige advancen als het ondervolgende Renoement aanwijst, waarbij ook is bekend gesteld den verkoop uit„ de hand, van 99662 lb Japans staaf Koper, met een advan= van 178 386/4 pro C=o ruim. En dewijl eerst jongst ont deks is, dat nog 778 lb Vermilioen, schoon reeds in Maart 1764. verkocht in de Pakhuijzen was blijven leggen, zo hebbe wij het zelve voor Reekening van de Kopers opgeveild en hen teffens opgelegd, om het daar op gevallen verlie zo wel als de verloopene- Interrest, sedert voormelde eerste verkoop te betaalen. Ook is op den 17=e deezer vendutie gehouden van de Arak waarvan de uitslag al mede bij een apart Rendement te zien is. Bij het eerste blijkt dat op een Inkoops bedraagen van ƒ 52231„5„ - Zuiver gewonnen is ƒ 58804„6. of 12 23/4 pC en op de Arak ƒ 2395„ 12„ 8„ of 54 13/4 pro C=o ruim. groot 195 Rendement. Publique Vendutie als uijt de hand verkogte Koopmanschappen Rendement van de op den 10=en deezer zoo per verkoops Prijzen behaalde Advancen, en gevallene verliesen; Namelijk Met aanwyjzing van dies Inkoops Kostende 6800 lb Thin - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -- . . . . . ƒ 35. 16. — ƒ6014 5. — 43„ 1. 5 ƒ 36 9. 5 ƒ 2. 1. 5 ƒ - -. -. ƒ 20 6 0 . . . „ 22„ 8: 8„ 2015„ 5. —„ 31„ 5 st„s„ 2326„ 8„ 8„ 506„ 3. 6 —„ —. —„ 40 64 r=m . . . . . . . . „ 13„ 19„ 8„„ 1437„ —„ —„ 17„ 152 2/5„ 2133„ 1„ —„ 694„ 3„ —„ —„ —„ —„ „ 48 1/15„ . . . . . . . „ 14. 16. —. „ 7234„ 5. — „ 16. — 1 2/10„ 543. 7. 8.„ 609. 2. 5. —. —„ — „ 8½ s„s . . 5ma „ 44 86 2/s 480„ 3„ 8„ 45„ 15 /„ 9. 12. — „ 399. 5. 8„ —. —. —. „ 9. 5r . . . 1 C=o „ 4„ 16. 8 — „ 265„ 17„ 8. „ 7„ 5. 12 3/5 „ 400„ 18. 8. „ 135„ 13„ —„ —„ —„ —„ 51 r=m . . . 5 p„s „ 9. 15. 8 „ 9. 15. 8. „ 4„ 4. 8 „ 4. 4. 8.„ 1 P„s Sjappa Lens beschaadigt - - - - - - - - - - - - - - - - - —„—„—„ 5„ 13„ —„— „85713„12„ 8„ 54943„ 9„ - -. 51 C. l0 „ 30„ 17„ 8 „ 30772„ 3„ 8„ „ 86„—„ „ 178 3/14 . . . . . . . . . . ƒ52231„ 8„-„ ƒ 131035„14 ƒ58809„ 17„ — ƒ 3„ 13„ - Somma- . . . . . . . . - - - - - - winsten gedetraheert. . . - - - - - - „ 52231„ 8. —„ Den Inkoop van den Verkoop en de verliesen van de 5„ 13:— - - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ55804. 6. — ƒ55504. 6. — a 112 23/4 p„ r=m Blijft voor Zuijvere- winsten- 2 vas Adij 19=en Maart A. o 1766. /:onderstond:/ Hoegli in 't Fort Gusta„ 99667 lb Iapans staaf Koper - - - - - - - - - - - - - - - - 9000 „ Spiauter. . . . - - - - - - - - - - - - - - - - - - 5500 „ Geelen Ooker - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 100 „ Gouddraad - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 12000 „ Hloep ijzer - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 48880 „ Spijkers. - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - Inkoops Kostende Verkoops Winsten Verliesen Per Centos 5 geheel Teentold 'T geheel 5 lb winsten verliesen . . . —„— —„ 56/4 2 9 O
English
196 accounts of sold Patna Return of the Arrack Api sold on the 17th of this month at public auction from the dispensary warehouses, with indication of the purchase costs thereof, prices obtained after deduction of 2 percent prompt payment and 5 percent commission, together with the profits accrued thereon, namely: Purchase: each; total. Sale: each; total. Profit: total; per cento. Loss: each; total. 40 leagers Arrack Api: ƒ 109.13. 9 1/4; 3837„ 4. —; ƒ 69. 12. 4 5/8; ƒ 65. 16. 5; ƒ 3986. 12. 8; ƒ —. —. —; 54 1/8 r=m. The purchase deducted from the sale: 4387. 4. — Thus it appears as above that the profit made thereon is: 2398. 12. 8, amounting as above to 54 28/43 m. Underneath stood: Hugli in Fort Gustavus, the 18th of March, anno 1766. With our outgoing formal requisition, in view of two demands, the following has been made known: 61½ tons in bar silver, or whole Surat Rupees 3000 lb Toeli, being remainder: 530 lb 40000 lb Nutmegs: 29300 lb 300000 lb Japan bar copper: 50000 lb 2000 lb Cinnamon: 4000 lb 200000 lb Pepper: 6000 lb — lb Cloves: 2300 lb 50000 lb Spelter: 12. 1243 lb 50000 lb Tin: — lb Along with the Patna letter of merchandise of the 16th of January, there was sent to us the return of 8610 lb of tin sold by the servants at ƒ 54„14. - per 100 pounds, and with their letter of the 14th of February we received from there a return of the recently sent corals, disposed of at the previous price of ƒ 55„—„ per 100 lb, together with a parcel of nutmegs and cloves, which returns follow below. Return Along with 197 Return of the undermentioned parcel of tin which was disposed of today, with indication of the cost, the selling price, and that which was gained thereon, together with the difference from the Hugli selling price, namely: Purchase cost: per cento; total. Sale: per cento; total. Net profit: total; per cento. Above the Hugli requisition sale: 8610 lb Tin: ƒ 33„3„ 4; ƒ 2855„ 5„ 8; ƒ 54 3/4; ƒ 4709. 13. 8; ƒ 1854. 8. —; 65 sch:s; 30 p Co sch=s. Underneath stood: In the Company's Office, Patna, on the 4th of January, anno 1766. Was signed: Anh: Hardij. Return of the undermentioned parcel of corals and spices sold during this month at this office, with indication of what they yielded in profit, as: Purchase: per cento; total. Sale: per cento; total. Profit: total; per cento. Above the Hugli price: Corals, 2950 3/4 lb: 39„ 14. 8; 1184„-„; 55„ —„ —; 1639„ 8. —; 455. 8„ —; 39 sch=s; 43. sch.:s. 799 lb Cloves: ƒ 40. 3. 8; ƒ 2 „—„—; ƒ 5„ —; ƒ 4674. 3. —; 13514. 3; ƒ 36 =m; 1 3/4 C. 800 lb Nutmegs: 20„ 12. 5; 165. —„ —; 330. —„ —; 2640„ —. —; 2475„ —„—; 1500. — —; 11 1/5. Total: ƒ 8953„11„; ƒ 7253„13„— The purchase cost amounts to: 1670„—„ Agrees: ƒ 7283„ 13. —. Underneath stood: In the Company's Office, Patna, on the 8th of February, anno 1766. Was signed: Anh: Hardij.
Dutch transcription
196 menten van verkochte— Pattena Rendement der op den 17=en deezer bij Publique Vendutie uijt de Dispens Pakhuijzen verkogte Aracq Apij met aanzoo ning van derselver Inkoops kostende, behaalde Prijsen na aftrek van 2 per Cento Prompte betaaling en 5 per Cento Provisie, mitsgaders de daar op gevallene winsten, Te weeten- Inkoops In 't geheel Verkoops Pro Cento ijder 'T geheel Winst Verlies ijder 'Tgeheel winst var 40 Leggers Aracq Apij - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ 109.13. 9 /4 3837„ 4. — ƒ69 12. 458.ƒ65. 16. 5 ƒ 3986. 12. 8 ƒ —. —. —. 54 1/8 r=m Den Inkoop van den verkoop afgetrokken. . . . . . . . - - - . . - - - . 4387. 4. — zo blijkt als vooren dat daar op is gewonnen. - - - - - - - 2398. 12. 8. uyjtmakende als boven 54 28/43 m /onderstond:/ Houglij in 't Fort Gustavus Den 18=e Maart A„o 1766. — Bij onzen afgaanden Formeelen Eisch is inlijving van twee ziende„ bekend gesteld het volgende. 61½ Ton aan Baarzelver, of heele surasse Ropijen 3000 lb Toeli. . . . . . . . . . . . . zijnde per restant 530 lb _„o 29300 „ 40000 „ Nooten Muskaaten. . . . . . „. „— _o 4000 „ _o 6000 „ 300000 „ Iapans staaf Koper. . . . „ „ _. 50000 „ 2000 „ Kanneel - - - - - - - . . „ „ „ _o 2300 „ 200000 „ Peper. . . . . . . . . . . . . „ „ — „ Nagelen. . . . . . . . . . „ „ 50000 „ spiauter. . . . . . . . „ „ _:o 12. 1243 „ 50000 „ Tin - - - - - - - - - - - - „ „ _o _o „ Nevens Pattenasch Schrijven van den Koopmanschappen ten 16=en Jannuarij, is ons toegezonden het Rendement van 8610 lb Tin, door de be¬ diendens tegen ƒ 54„14. - de 100 ponden ver¬ kocht en met hunne brief van den 14en Februarij hebben we van daar ontvangen een Rendement van de laast opgezondene Koraalen tegen de voorige prijs van ƒ 55„—„ den 100 lb van de hand gezet, nevens een partij Noo„ ten en Nagelen welke Rendementen hier onder volgen. Rendement Nevens 197 8610 lb Thin - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 2950¾4„ Zuivere Winst bovende Hoeg Verkoop Kostende- 5 Cento. Tgeheel- T Cento. 'T geheel 'T geheel- Ttento Eische verkoop ƒ4709. 13. 8. ƒ 1854. 8. — ƒ 65 sch:s ƒ 33„3„ 4„ ƒ 2855„ 5„ 8 ƒ 5434„ 30p Co sch=s /:onderstond:/ In 's V:s Comptoir Patna Adij 4=en Jannuarij A:o 1766. /:was geteekend:/ Anh: Hardij. — Rendement der onderstaande Parthij Coral en en specereijen geduurende deeze maand ten deezen Comptoir verkogt met aanwijzing was dezelve aan Winst afgeleeverd hebben, als. Coralen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . somma /:onderstond:/ In 't N:s Comptoir Patna Adij 8=e Februarij A:o 176. /:was geteekend:/ Anh: Hardij. de verkoops Prijs, en het geene daar op gewon, en is, mitsgaders het verschil met de Hoeglische Verkoops Prijs, Rendement van d' onderstaande Parthij Thin de welke op heeden van de hand gezet is, met aanwijzing van het kostende Namentlijk boven de Hoeg Winst Uitkoops Inkoops. T Cento 'T geheel T Cento 'T geheel T geheel Tlentolische Prijs 55„ —„ —„ 1639„ 8. —. 455, 8„ — 39 sch=s 43. sch.:s . . - . . . „ 39„ 14. 8. 1184„-„ . . . . . . . . . . ƒ 8953„11„ ƒ7253„13„— . . . ƒ3670„—„—„ 'T inkoops Kostende bedraagt - - - - - 1670„—„ Accordeert - _ _ - - - - ƒ7283„ 13. —. 799 lb Nagelen. - - - - . . -. - . - - - - - - - - - - - - - . . . . . . . . . ƒ 40. 3. 8: ƒ 2 „—„— ƒ 5„ — ƒ4674. 3. „ 13514. 3. ƒ 36 =m 1 ¾ C 800 „ Nooten. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 20„ 12. 5. 165. —„ —330. —„ —„2640„ —. —2475„ —„—1500. — — 11 1/5. . . --
English
198 Decision taken to carry out some necessary ordinary repairs at Hooghly. The supervisors of the buildings commissioned to draw up an estimate of the costs to repair the remaining defects, judged dangerous. We have now arrived at the main section concerning Buildings and Repairs, the description of which, to our deep regret, must make up a large part of this letter. First, regarding the Main Office: on 31 May of the past year, upon the submitted written report of the specially appointed commissioners for the inspection of the buildings, we had previously resolved under the last day of February to have the defects in the dwellings in the Fort repaired; furthermore, in order to save costs as much as possible, to only have the most necessary doors and windows renewed of the warehouses in which the precious goods are stored, even though the greatest part was reported to be rotted and unusable, and further to have some other improvements carried out which could suffer no delay; but since at the same time it was taken into consideration by us that the condition of the buildings is worsening from year to year, without the ordinary yearly repairs being able to preserve them from further decay, even though now and then a collapsed flat roof or fallen wall was renewed, we have therefore deemed it necessary to have an estimate prepared by the commissioned supervisors of the buildings, the Captain at Sea and Equipage Master Lukas Zuijdland and the Military Captain and Commander of the garrison Johan Henrik Zinner, of how much the defects mentioned in the aforesaid report would amount to upon undertaking the said repair. Such an estimate having then been made, the same is offered in all respect to Your High Noblenesses among the annexes hereof, alongside the aforesaid report of the commissioners, amounting to Sa. Rs. 18026:24; and we take the liberty to demonstrate to Your High Noblenesses in this regard, according to yearly custom in the most thrifty manner, that postponing the aforesaid repairs can bring about nothing else than that the defects worsen and the expenses for their repair become greater in the future. Moreover, with regard to some flat roofs, one cannot rest assured that they will not collapse unexpectedly sooner or later, and especially in the rainy season. Upon renewing some of the same in the past year, one had to be astonished that they were able to hold up for so long; for although the beams appeared sound on the outside, it was nevertheless found that they were completely hollow, as well through rot as through white ants, extending in some cases barely an inch wide into the wall, while the remainder of the ends was entirely perished. This we can assure Your High Noblenesses to have seen ourselves for the greater part of us, and it is thus not without foundation or necessity that we humbly request to be furnished in this matter with Your High Noblenesses' approval. 199 The buildings at the subordinate stations are also worsening; among others the Mint Residence, where a special inspection was carried out. Decision regarding these. Defects found in the Patna buildings. The subordinate stations, where until now one had been able to manage with the ordinary yearly repairs, now also to our sorrow provide material to enlarge the exposition that we see ourselves forced to make concerning the worsening condition of the Company's buildings. From Cossimbazar, the Chief and the Council reported to us by a letter of 20 November of the past year that in the Mint Residence, a stone lean-to in which coals and other goods were stored had collapsed due to a severe storm that had raged there and the heavy downpours, so unexpectedly that three natives who were working inside, by all good fortune, found themselves under a beam that remained resting with one end on a pillar and had barely saved themselves through a small opening. Furthermore, that they, having received a report from the Mint commissioners that the dwelling in the Residence could no longer be trusted in heavy wind or rain due to the increasing cracks and widening of the openings, had sent the ordinary commissioners Haghadamius and De P. Kzij thither with orders to make a careful inspection of all the buildings constituting the so-called Residence, both those damaged by the recent storm and those that had long been dilapidated and had since worsened, and to show in their report what, being indispensable, should be repaired immediately and at what cost, as well as how much a new dwelling house with the most necessary outbuildings would come to cost. A report of this was then sent to us, which is inserted in our resolution of 26 November, and pursuant to which, on account of the necessity, we have granted permission to restore the shed for storing coal, tools, and workmen, the expenses required for which being estimated at Cur. Rs. 350.- or f 551:5. However, notwithstanding that the dwelling house has worsened to such an extent that it cannot be inhabited without the utmost danger, and that some of the outbuildings have already collapsed and the rest are in a miserable condition, since the renewal of both, calculated most frugally, exclusive of the bricks and surkhi which will probably be yielded sufficiently by the old materials, and furthermore assuming that the timber could be procured from here, would come to cost Sa. Rs. 9670.- or f 15230:5, we have nevertheless thought fit first to request Your High Noblenesses' authorization for that renewal, as is hereby done. Regarding the Patna Factory, the employees have already in their letter of the last day of March of the past year shown us regarding the defects to the buildings
Dutch transcription
198 genomen besluit tot het vol. brengen van eenige noodza kelijke ordin, Reparatien te Hoegli gecommitteerd tot het ma„ het kostende tot verbeten. vaarlijk geoordeelt Thans zijn we genaderd, tot het Hoofd deel van Timmerasien en Reparatien, welker be„ schrijving, tot ons gevoelig leedweezen een grootgedeelte van deeze brief moet uitmaaken- Wat dan voor eerst die van het Hoofd Kan toor betreft Zo hebben we op den 31e. Mei, a. p: op het ingediendschrif telijk Rapport, van de expresse gecomm s tot den op neem der gebouwen, onder ult„o Februarij bevoorens ge„ resolveerd, de gebreken aan de wooningen in het Fort laaten verhelpen; voorts, om, zo veel mogelijk on„ gelden uit te winnen, eenlijk de noodzaakelijkste deuren en vensters, van de Pakhuizen waar in de precieus te waaren geborgen worden, te laaten ver„ nieuwen, niettegenstaande het grootste gedeelde, voor verrot en onbruikbaar wierd opgegeeven, en wijder eeni„ ge andere verbeteringen, welke geen uitstel konden, lijden, te laaten gevolg neemen; dan nadien terzelve de opzichters der gebouwen der tid, bij ons wierd in aanmerking genomen, dat ken van een Calculatie van den staat der gebouwen van Iaar tot Iaar, vererger, ring der overige gebreken de, zonder dat de ord„e Iaarlijksche reparatien dezelve. voor verder verval konden bewaaren, zelfs niet tegen staande 'er nu en dan een ingestort plat of omge„ valle Muur, vernieuwd wierd, zoo hebben we nood zaa„ kelijk geoordeelt, door de gecomm„s opzichters der ge„ bouwen de Kapitain ter zee en Eduipage meester Lukas Zuijdland en den Kapitain Militair en Kommandant van 't garnizoen Iohan Henrik zinner, te laaten vervaardigen een Kalkulatie, hoe veel de gebreken bij het voorm: Rappors vermeld, bij aanbieding van dezelve Reparatie zouden beloopen. Een zodaanige Kalka„ latie, dan gemaakt zijnde, word dezelve U Hoog Edelens onder de Bijlaagen deezes, nevens het voorm: bericht van Gecomm„s in alle eerbied aange„ boden, beloopende s„a r„o 18026„ 24 en wij neemen den vrijheid U Hoog Edelens ten deezen opzichte te ver tien, niets anders kan te wege brengen, dan dat de gebreken verergeren, en de ongelden, tot derzelver verbetering, in 't vervolg meerder worden. Daar en boven, kan men omtrent sommige platten. nies gerust weezen, dat ze niet vroeg oplaat, en voor„ namelijk in de regen tijd, onverwacht neerstorten Bij het vernieuwen derzelve van eenige in 't voorl„e Iaar heeft men moeten versteld staan, dat ze het zo„ lange hebben kunnen houden; want of schoon ook de balken ziguiterlijk gaaf vertoonden, zo is dog be„ vonden, dat ze geheel hol waren, zo wel door ver„ rotting, als door de witte mieren, steekende van eenige pas een duim breeds in de muur, terwijl 't overig gedeelte van de Einden, ten eene maal vergaan„ was. Dit kunnen we U Hoog Edelens verzeekeren, voor het meerengedeelte onzer zelfs te hebben gezien, en 't is dus niet zonder zundament, of noodzaakelijkheid, volgens Iaarlijks gebruik, op de menageuste wijze te het uitstellen van dienge toonen, dat het uitstellen, van de voorm: Repara„ Kommandan dat 199 de gebouwen op de binnen Kantooren verergeren ook onder andern de Munts residendie daar een expres se op neem gedaan dispositie omtrent dese Pattena bevondene gebre„ dat we nedrig verzoeken, in deeze met uwer Hoog Ede„ lens goedvinden gemunieerd te worden De binnen Kantooren, daar men tot dus verre„ met de gewoone Iaarlijksche reparatien had kan nen volstaan, leeveren tot onze smerde thans ook stoffe, om het vertoog, dat we ons genoodzaakt zien over den verergerenden staat van 's Komp„s gebouwen te doen te vergrooten. van Kassembazaar is ons door het Opperhoofd en den Raad bij een brief van den 20=e November a. p„ gemeld, dat in de munts Residentie, een steene af„ dak waar in Koolen en andere goederen geborgen. wierden, door een zel onweder, dat aldaar gewoed had, en de zwaare plas regens, was ingestort, zo onverwacht dat drie Inlanders, die daar in werk„ ten, ten allen gelukke, zig onder een balk, die met het eene einde op een pilaar was blijven leg¬ gen bevonden hebbende zig ter nauwer nood door een kleine oopening gezed hadden. Voors dat ze nog van de Mants gecomm„s bericht ontvangen hebben de dat de Wooning in de Residentie, door 't meer der scheuren en verwijderen, der oopeningen, bij zwaaren wind of zegen niet meer te betrouwen was„ de ord„e Gecomm s Haghadamius en De P Kzij hadden derwaards gezonden met last, om nauw keurige in spectie te neemen, van alle de gebou„ wen de zo genaamde Residentie uitmaakende zoo door het jongste onweder beschadigt als die voor lange reeds bouwvallig geweest en sederd verergert waren mitsgaders bij hun rapport aantesoonen, was, als on ons beerlijk zijnde, ter stond diende gerepareerd te worden en met welke kosten, als mede op hoeveel een nieuw woon huis, met de allernodigste bij gebouwen, zoude te staan, komen. Hier van is ons dan een rapport toegezonden 't welk bij ons besluet van den 26. e November is gein sereerd, en ingevolge van 't welke wij mits de nood„ zaakelijkheid permissie hebben verleend, om de loots tot berging van Koolen, gereedschappen en werk. volk te herstellen, wordende de daartoe vereijscht wordende ongelden geschat op P„r r„o 350„ . of ƒ 551„5: dog niettegenstaande het woonhuis dermaalen verergerdi„ dat het niet dan met het uiterste gevaar kan bewoond worden, en dat van de bijgebouwen, reeds eenige zijn ingestort en de rest zig in elendigen staal bevinden hebben we nadien de vernieuwing van 't een en ander op het zuinigste bereekend, buiten de steenen en surkie welke waarschijnlijk door 't oude genoeg zullen uitge leeverd worden en voorts gesteld dat de houtwerken van hier zouden kunnen bezorgd worden op s„a r„o 9670„- of ƒ15230„ 5. zoude te staar-komen, echter goedgevonden tot die vernieuwing, eerst Uwer Hoog Edelens qualifi catie te verzoeken, gelijk dan geschied mits dezen. Omtrent de Pattenascha Loge, hebben de be„ ken aan de gebouwen diendens ons reeds bij hunne brief van ult=o Maarta. p. zoo onder
English
200 under transmission of a report from commissioners expressly appointed regarding the bad condition of the same, and the necessity of allocating an extraordinary expenditure to it. But since they left us in uncertainty regarding the expenses, we requested a rough estimate from them in our letter of the 19th of April, which was sent to us with their writing of the 12th of May and is included among the annexes hereof, in which the repairs are estimated at Sicca rupees 13512. 9. or f 21282. 6.-. The servants furthermore reported to us that all of them were of that necessity; that delaying the restoration made them fear greater damage with the rainy season. However, judging that one could not give permission for this, we decided on the 31st of May to present the same to Your High Right Honourables. But the servants, imagining that permission would have been given for it immediately, had in the meantime already put their hands to work, and by order of the Chief, the stone breakwaters, which must turn away the force of the flowing water, were already repaired; while the Second Hardij, not considering his life safe in his house during the coming rainy season, had likewise caused the unavoidable alterations to be made to it, according to their writing of the 1st of July. Taking this into consideration on the 23rd of the same month, we approved, on account of the absolute necessity, the repairs made to the stone breakwaters; and the memorandum thereof since received and inserted in our Resolution of the 17th of September, amounting to f 2025. 16. – or 9. 17. less than the previous estimate, we have passed subject to Your High Right Honourables' esteemed approval; which we, however, regarding the dwelling of the Second, did not dare take upon ourselves. But since we do not doubt the necessity of those repairs, and the same upon completion have amounted to Sicca rupees 4043. 11½ or Sicca rupees 118. 12½ less than was set for it in the estimate, we have also, upon the request of the aforementioned Hardij by letter of the ultimate of December—in consideration that he had to negotiate that money and thus the payment of interest would burden him too heavily—not been able to refuse that he might receive that sum from the treasury under caution de restituendo, nor his plea for our favourable recommendation to Your High Right Honourables. And truly, regarding the necessity of those improvements, no doubt remains if one reflects upon the consequence that the postponement of the other repairs has had. For the servants informed us in their writing of the 29th of August that the perimeter wall on the south-east side of the Lodge and the outer wall of Warehouse No. 3 had sagged and bulged out so much due to the heavy rains that, to prevent 201 accidents, in view of the multitude of passers-by, they had placed two peons at the approaches of the first, and had been forced to have the other taken down over the wall of the warehouse, whereby the flat roof, which they had tried in vain to support with props, had collapsed. Since the Lodge now lay entirely open on one side because of this, and the repair of that wall with the flat roof would amount to only Sicca rupees 563. 8. according to the aforementioned estimate, we decided on the 17th of September to authorize them for that rebuilding. But as they also requested to be allowed to charge the aforementioned two peons to the account, we judged this unnecessary, because they could well have taken two of the ordinary peons for that purpose; although we nevertheless afterwards, upon their representation by letter of the 12th of October that all the ordinary peons at that time were employed in other necessary duties, permitted them to charge the same to the account; as well as ten others who since, according to their writing of the 25th of September, had to be taken into service, since the aforementioned perimeter wall on the south-east side of the Lodge, along with a small wall beside the stairs of the water-gate and the flat roof resting upon it, had entirely collapsed due to the heavy winds and torrential rains that had persisted there for more than ten consecutive days and nights, and thus the Lodge lay completely open on two sides; while in Singia most of the warehouses had likewise collapsed. At the last-mentioned place, according to the letter of the 12th of October, it would be sufficient to repair one of the warehouses, or else with a gola, as a storage space was absolutely necessary for the gunny bags, assafoetida leaves, etc. A survey having been made by expressly appointed commissioners of the damage caused by the aforementioned bad weather to the Patna Lodge, it was seen from the report received thereof that, besides the perimeter wall mentioned above, the staircase of the chintz printworks and the lean-to shed in the guardhouse had also collapsed, while some other damages were also discovered which necessarily required repair. Herewith the servants sent us an estimate which, along with the report, is inserted in our Resolution of the 25th of October. The renewal of the perimeter wall and the improvement to Warehouse No. 5 were therein estimated at Sicca rupees 7320, which appearing excessive to us, we had it examined by persons knowledgeable therein before declaring ourselves thereon; and upon the servants' further representation by letter of the 13th of November that the English as well as the natives were heavily engaged in masonry, which caused a considerable increase in the price of building materials and labour wages, and further urging the necessity, we wrote to them, according to the resolution of the 26th of November, that it was judged that the repair, which they had submitted for Sicca rupees 7320, could well be done for rupees 6000, and that in that case one would grant them authorization for it
Dutch transcription
200 ondertoezending van een Rapport van expres p„ gecomm. s den slechten staat der zelve, en de noodzaa„ kelijkheid om daar aan een extra ordinair te doen bedeeld. Dan alzo ze ons omtrent de ongelden, in onzekerheid lieten, zo vorderden wij bij onze brief van den 19„e April daar van een ruwe Kalkalake welke ons bij hun Schrijven van den 12„e Mei is toe gezonden en onder de bijlagen dezes overgaat waar„ bij de reparatien op L.. r„o. 13512„ 9. of f 21282, 6„- geschal worden. De bediendens melden ons daar be nevens, dat ze alle van die noodzaakelijkheid waren; dat het vertoeven met de herstelling, hen met de regen tijd voor grootere schaade deed beduct zijn. Echter oordeelende dat men daartoe geen permissie konde geeven, zoo beslooten we op den 31:e Mei het zelve U Hoog Edelens voor te dragen Dog de bediendens zig verbeeldende, dat men daar toe terstond verlof zoude gegeeven hebben, hadden in tuschen reeds de handen aan 't werk geslagen en ter ordre van 't Opperhoofd warende steene bee„ ren, die het geweld van het afvliesende water moe„ ten afkeeren, reeds hersteld; ter wijl de sekunde Hardij zijn leven bij de aanstaande regenzijd in zijn huis niet zeeker achtede, de onvermijdelyke ver anderingen, daaraan mede had laaten maken volgens hun Schryven van den 1e Juli. Dit op den 23:e derzelfde maand in overweeging neemende. approbeerden wij, uijt hoofde van de absoluate noodzaar kelijkheid, de gedaane reparatien aan de steene Beeren en de daarvan sedert ontvangene, en bij onze Resolutie van den 17:e September geinfereerde Memorie, bedra¬ gende ƒ2025. 16. – of 9„ 17. mzinder als de voorige Kalkala tie hebben we op Uwer Hoog Edelens g'eerde approba tie gepasseerd; 't welk we echter, omtrent des secundes wooning, niet op ons hebben durven neemen, dan alzo we aan de noodzaakelijkheid van die reparatien niet twijfelen, en dezelve bij voleinding, zijn te staan ge= komen. op f. a r. o 4043„ 11½ of F„ r„o 118„ 12½. minder als daar voor bij de Kalkulatie gesteld was, zoo hebben we, ook het verzoek, van voorm: Hardij bij schrijven van ult:o De„ cember om, uit aanmerking dat hij dat geld had moeten negocieeren, en dus het betaalen van Interrest, hem te zeer drukken zoude, die Com, uit kas te mogen onsvan„ gen, onder causier de restituendo, niet kunnen weige ren, zo min als zijne bede om ons favorabel voorschrij ven aan U Hoog Edelens. En er blijft waarlijk om trent de noodzaakelijkheid van die verbeteringen geen twijfel over, als men reflecteerd, op het gevolg. dat het uitstellen der andere reparatien heeft gehad. Want de bediendens gaven ons bij hun schrijven, van den 29. e Aug. s bericht, dat de ringmuur aan de zuid Oost zijde van de Loge, en de bueten muur van 't Pakhuijs N:o 3. door de zwaare regen zodaanig wa„ ren ingezakt en uitgeweeken dat ze der voorkoming approbeerden van 201 in te singien van ongelukken, overmits de menigte der voorbij gan¬ geren, op de toegangen van 't eerste twee Pions hadden gesteld, en 't andere over de muur van 't Pakhuijs, hadden moeten laaten afbreeken, waar door het Plat dat ze„ te vergeefs met stutten hadden zoeken op te houden, was ingestort. Dewijl nu de Loge hier door aan de eene kant geheel open lagen de reparatie van die muur met het plat maar op s:t r„o 563. 8. volgens den voorm Kalkulakie zouden te staan komen, zo be slooten wij op den 17e september hen tot die op bouwing te qualificeeren. Dan nadien ze ook ver zogten, de voorm: twee Prons, in Reekening te mogen brengen, oordeelden we zulks onnodig, om dat ze daar toe, wel twee van de gewoone Pions hadden kunnen. neemen, hoewel we echter naderhand, op hunne vertooning, bij brieve van den 12. e October, dat alle de ord:e Pions, dier tijds tot andere noodzaakelijke diensten geemploijeerd waren, toestonden dezelve in Reekening te mogen brengen; zo wel als tien an deze, die sedert volgens hun schrijven van den 25„e Sep. tember hebben moeten in dienst genomen worden, nadien de hier vooren gem: eingmaur, aan de zuid Oostzijde van de Loger, nevens een muurtje bezijden de trap van de waderpoort, en het daar op leggende plat, door de zware winden en stort regens, die aldaar meer dan tien etmaal achter malkanderen hadden aangehouden ten eenemaal was ingestort, en das de Loge aan twee zijden geheel openlag; terwijl te Singia al mede de meeste Pakhuijzen waren ingestord„ oplaatstgen. e plaats, zoude het volgens brief van den 12„e Occob: wel met de reparatie van n der Pakhuizen te stellen wezen, dan wel met een Gola, alzo 'er absoluut een berging, voor de Goeni zakken, An„ fiven bladeren &c„a nodig was. Van de schade door het voorn: lech„ de weder, aan de Pattenasche Loge toegebracht, door expresse„ gecomm. een opneem gedaan zynde, is bij het daarvan ons vangene Rapport gezien, dat buellen de ringmaar hier voorenge„ meld, ook de trap van de sitzen drukkerij, en het afdak in de soldaten wacht was ingestort, terwijl nog eenige andere schaa„ een ontdeks waren, die noodzaakelijk reparatie vereischten hier nevens zonder de bediendens ons een Kalkulatie welke nevens het rapport geinsereerd is bij onze Resolutie van den 25„e October De vernieuwing van de ringmuur en de verbetering aan het Pakhuis N„o 5. wierden daar bij begroot op L„a r„o 7320, 't welk ons excessive voorkomende, zo hebben we, alvoorens ons daar over te verklaaren, door lieden zig des verstaande, laaten examineeren; en op der bed„s nadere vertooning bij brieve van den 13„e November, dat de Engelschen zo wel als de Inlanders, sterk met metzelen bezig zijnde, dit een considerabele verduuring in de bouw materialien en ar„ beidsloonen veroorzaakte, en verdere aandringing op de noodzaakelijkheid volgens besluit van 26„e Novbr. hen aangeschreeven, dat men oordeelde dat de reparatie, die ze voor s. o r„o 7320, hadden opgegeeven wel voor r„o 6000„ zoude te doen wezen, en dat men hen in dien gevalle, daar toe Loge qualificatie
English
general amounts of the repairs item gifts extraordinary qualified. This had the consequence that, according to their reply of the last of December, upon further consultation with the native master craftsmen and further inspection of the old bricks, the expenses would amount to fully 500 Sonat Rupees less than they had initially estimated, and they simultaneously promised to exercise all care in this matter, while they also, as that work indeed had to be completed before the rainy season, advanced 2000 Sonat Rupees for the collection of lime and, according to the letter of the 14th of February, 1000 Sonat Rupees for the repair of the aforesaid South-East wall. Meanwhile, pursuant to our qualification, the improvement to the warehouse, and also some others, were carried out by order of the Chief La Font on account of the absolute necessity, of which the memorandum amounting to 2752 Sonat Rupees, 9 Annas or 4335 guilders, 4 stivers was inserted into our Resolution of the 26th of December, when we also passed only that of the warehouse, being 559 Sonat Rupees, 2 Annas, or 4 Rupees, 6 Annas less than the previous calculation, awaiting regarding the remainder the orders of Your Right Noblenesses. Furthermore, it appears from a short memorandum inserted into our resolution of the 17th of September that 154 guilders, 16 stivers was expended on the Gola at Tettua, which we have passed; and furthermore, in the brief summary below, compiled from the books by the incoming ledger keeper Haghadamius, the amount of the ordinary and extraordinary carpentry and repairs and ordinary and extraordinary gifts at Hooghly, Cassimbazaar and Patna in the financial year 1764/5 compared to the preceding year is demonstrated, several memoranda having been inserted into our Resolutions of the 16th of August, 17th of September, 26th of November and 24th of December, to which for the sake of brevity we take the liberty of referring. Statement of carpentry and repairs, showing that which has been expended. Memorandum of such ordinary and extraordinary repairs, item ordinary and extraordinary gifts, both here and at Cassimbazaar and Patna, with the comparison thereof against the year 1763/4. Namely: Year 1764/5 At Hooghly Year 1763/4: Year 1764/5: Year 1764/5 more: Year 1764/5 less: Carpentry and repair: 10919 guilders, 14 stivers, 8 penningen; 10419 guilders, 8 stivers; —; 500 guilders, 6 stivers, 8 penningen. Extraordinary: 12958 guilders, 19 stivers, 8 penningen; 18042 guilders, 5 stivers; 5083 guilders, 5 stivers, 8 penningen; —. Total: 23878 guilders, 14 stivers; 28461 guilders, 13 stivers; 5083 guilders, 5 stivers, 8 penningen; 500 guilders, 6 stivers, 8 penningen. The less deducted from the more: 23878 guilders, 14 stivers; 500 guilders, 6 stivers, 8 penningen. It appears that in the year 1764/5 at Hooghly was expended more on carpentry: 4583 guilders, 3 stivers. Agrees: 4583 guilders, 3 stivers, 8 penningen. At Cassimbazaar Year 1763/4: Year 1764/5: Year 1764/5 more: Year 1764/5 less: Carpentry and repair: 3134 guilders, 13 stivers; 3245 guilders, 9 stivers, 8 penningen; 110 guilders, 16 stivers, 8 penningen; —. Extraordinary repair: 3104 guilders, 10 stivers; 227 guilders, 8 stivers; —; 2877 guilders, 2 stivers. Total: 6239 guilders, 3 stivers; 3472 guilders, 17 stivers, 8 penningen; 110 guilders, 16 stivers, 8 penningen; 2877 guilders, 2 stivers. The less deducted from the more: 3472 guilders, 17 stivers, 8 penningen; 110 guilders, 16 stivers, 8 penningen. It appears that in the year 1764/5 at Cassimbazaar was expended less on carpentry: 2766 guilders, 5 stivers, 8 penningen. Agrees: 2766 guilders, 5 stivers, 8 penningen. At Patna Year 1763/4: Year 1764/5: Year 1764/5 more: Year 1764/5 less: Carpentry and repair: 1988 guilders, 8 penningen; 2197 guilders, 1 stiver, 8 penningen; 209 guilders, 1 stiver; —. Extraordinary: —; 2025 guilders, 16 stivers; 2025 guilders, 16 stivers; —. Total: 1988 guilders, 8 penningen; 4222 guilders, 17 stivers, 8 penningen; 2234 guilders, 17 stivers; —. Say: 2234 guilders, 17 stivers. The more expended on carpentry at Hooghly and Patna amounts to: 6518 guilders. From which deduct the less expended on carpentry at Cassimbazaar: 2766 guilders, 5 stivers, 8 penningen. It appears that in this Directorate in the year 1764/5 the said repairs amount to more than the previous year by: 3751 guilders, 14 stivers, 8 penningen. At Hooghly, amounts of gifts made: Year 1763/4: Year 1764/5: Year 1764/5 more: Year 1764/5 less: Ordinary: 732 guilders, 8 stivers; 3644 guilders, 15 stivers; 2912 guilders, 7 stivers; —. Extraordinary: —; 41989 guilders, 4 stivers, 8 penningen; 41989 guilders, 4 stivers, 8 penningen; —. Total: 732 guilders, 8 stivers; 45634 guilders, 3 stivers, 8 penningen; 44901 guilders, 15 stivers, 8 penningen. Say: 44901 guilders, 15 stivers, 8 penningen. At Cassimbazaar, amounts: Year 1763/4: Year 1764/5: Year 1764/5 more: Year 1764/5 less: Ordinary gifts: 7677 guilders, 16 stivers, 8 penningen; 6811 guilders; —; 866 guilders, 16 stivers, 8 penningen. At Patna, amounts: Year 1763/4: Year 1764/5: Year 1764/5 more: Year 1764/5 less: The ordinary gifts: 6422 guilders, 3 stivers; 9330 guilders, 5 stivers; 2908 guilders, 2 stivers; —. Extraordinary: 652 guilders, 1 stiver, 8 penningen; 1729 guilders, 12 stivers; 1077 guilders, 10 stivers, 8 penningen; —. Total: 7074 guilders, 4 stivers, 8 penningen; 11059 guilders, 17 stivers; 3985 guilders, 12 stivers, 8 penningen. Say more: 3985 guilders, 12 stivers, 8 penningen. The more given in gifts at Hooghly and Patna amounts to: 48887 guilders, 8 stivers. From which deduct the less at Cassimbazaar: 866 guilders, 16 stivers, 8 penningen. It appears that in the year 1764/5 in this Directorate was given more in gifts than the year before: 48020 guilders, 11 stivers, 8 penningen. Ordinary gifts. At Patna. Memorandum. With. gifts. 202
Dutch transcription
neraal bedraagen der- ratien isem geschen Extra ordinaire. qualificeerde. Dit is van dat gevolg geweest, dat blijkens hun antwoord van den laatsten Deck, bij een nadere consultatie met de Inlandsche wserk baazen en nadere inspectie van de oude steenen, de ongelden wel f„a r:o 500. - minder zouden beloopen, dan ze eerst gegist hadden, en zij hebben teffens beloofd in dispoine alle attensie te zullen hebben, ter¬ wijl ze mede, alzo dat werk wel voor de regentijd diende gereed te weezen, tot den inzaam van Kalk P. r r„o 2000„ - en volgens brieve van den 14„e febr: 109 P. r.o 1000„ - op de reparatie van voorm. Zuid Bost muur verstrekt hebben. Intuschen is ingevolge onze Qualifica„ tie, de verbetering aan het Pakhuis, en ook eenige andere op ordre van het Opperhoofd La Font, uit hoofde der hooge noodzaaken. lijkheid gedaan, waarvan de memoriee bedragende f:„o r„o 2752, 9. oa ƒ 4335„4. geinsereerd is bij onze Resolutie van den 26:e Decbr. wanneer ie ook eenlijk die van het Pakhuis, zijnde f:o r„o 559. 2, of r.o 4. 6. minder als de voorige Kalkulatie, hebben gepasseerd. verwachtende omtrent het overige Uwer Hoog Edelens ordre Voorts blijkt bij een memoritje geinsereerd bij ons besluit van den 17=e Septbr: dat aan de Gola te Tettua, is bekostigd ƒ154„16: 'twelk we gepasseerd hebben, wordende wijders bij de hier onder volgende Korte samentrekking door den aankomenden Fac„ taarhouder Haghadamius uit de boeken geformeerd aangetoond, het bedragen der Ord„e en Extra Ord:e Timmerasien en Repara„ Aantooning van hetgen tien en Ord„le en Extra Ord„e Geschenker, te Hoegli, Kas, Timmerasien en Repa sembazaar en Pattena in het Boekjaar 176 24/5 vergeleeken tegen 't voorjaande Iaar, verscheide Memorien zijn geinse reerd bij onze Resolutien van den 16„e Aug: s 17 e Septbr: 26:e Novbr. en 24. e Decbr: waaraan we Kortheids halven de vrijheid gebruiken„ ons te refereeren. Memorie van Zodaanige Ordinaire en Extra- Ordinai re Reparatie item ordinaire en Extra ordinaire Geschenken zo wel hier als te Cassembazaar en Patna-, met dies ver gelijking tegens A„o 1766/4. Te weeten A„o 176 4/5 Te Houglij A„o 176 /4 A„o 176 4/5. meerder minder Timmeralier en Reparatie - - - - - ƒ10919„ 10„ 8 ƒ 10119„ 4. — „ —„ —„ — ƒ 500„ 6. 8. Extra ordinaire . . - - - - -12958„ 19. 8. 18042„ 9„ - 5083„ 9„ 5. —„ Teld. - ƒ23878„ 14„ — ƒ285161„ 13. — ƒ 5083. 9. 8 ƒ 500„ 6„ 5 Het minder van het meerder getrokken 23878„ 10„-„ 856„ 6„ 8 - Blijkt A:o 176 4/5 te Hoegli meerder vertimmerd is ƒ 4253„3. —. Accordeert ƒ4253„ 3. — 8 Te Cassembazaar A„o 1764. A„o 1767/5 A„o. 1767/5 meerder minder Timmeratie en Reparatie - - ƒ3134„ 13„ — ƒ 3245„ 9„ 8 ƒ 110„ 16 8„ ƒ —„ —— „ —„ Extraordinaire Reparatie - - - 3104. 10„ —„ 227„ 8.- ƒ 2577„ 2 — „ Teld - ƒ6239. 3„ — ƒ 3472„ 17„ 8 ƒ 110„16„ 8„ 2877„ 2„— Het minder van 't meerder getrokken 3472„17„ 8 110„165 Blijkt dat in A„o 176 4/5 te Cassemba„ zaar minder vertimmerd is -- -ƒ2766„ 5„ 8. Accordeert ƒ2766. 5„ 5. A„o 1764. A„o 176 2/5 A„o 1764/5. meerder minder Timmeratie- en Reparatie ƒ 1985„——„ 8 ƒ2197„ 1„ 8 ƒ 209„ 1—„ ƒ—„ —.„ - —. —„ —„ ƒ2025„ 16„—„ 2025„ 36„ —„„——„ —„ - Teld ƒ1985. –. 8. ƒ4222„17„ 8. ƒ 2234„17„ —„ —„ —. - Legge ƒ2234:17„— Het meerder vertimmerde- te Hoeglien Patna bedraagd - - - - - - - ƒ6515„ —„— waar aftrekke het minder vertimmerde te Cassembazaar - - - - - - „ 2766: 5: 8 Blijkt dat in deze Directie A„o 176 4/5 gem: Reparatien meerder bedragen dan A„o bevoorens 3751. 14„5 Te Hoeg libedragende gedane Geschenke A„o 1764. A„o 17645: A„o 1764/5 meerder minder - ƒ 732„ 5„ —. „ 3644„15„ — ƒ 2912„ 17„ „— ƒ —„ —. — Extra-ordinaire _o —. —. —41989. 4. 841989„4.8„- „ Teld ƒ-732„ 8„ — ƒ45634„ 3. 8. 44903„ 15„ 6„ Zegge - - - ƒ44901. 15„ 8. A„o 1764/5. A„o 176 7/41 A„o 1764/5. meerder minder Te Cassembazaar beloopende. Ordinaire Geschenken - - - ƒ7677„ 16. /8 ƒ 6511„ —„ —„— ƒ 866„16:5. Te Patna beloopen A„o 176 /4. A„o 176 4/5 A„o 1764/5. meerder minder d'Ordinaire geschenken ƒ6422. 3„ —. ƒ 9330. 5. „ —. ƒ2905„ 2„ —„ ——„—„ Extra ordinaire - - „ 652„ 1„ 8„ 1729„12„ —„ 1677„ 14„ 8„ ——„ —. . - Teld ƒ 7074„4„ 8 ƒ 11059 17„ — ƒ 3985„ 12. 8, zegge meerder_„ 3985„12. 8. De meerdere geschonken te Hoegli en Patna-bedragen - - - - ƒ48887. 8„ — Waar altrekke de mindere te Cassembazaar- - - - - - - „ 866: 16: 8: Blijkt dat in A„o 176 4/5 in deze Directie meerder is verschonken dan A:o bevorens ƒ45020. 13„ 5. Ordinaire Geschenke. Te Patna- Memorie Met. ken 202