VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3184

Surat · 492 pages · 273 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3184_0104 view scan ↗

English

38/. 39/. The 18th of February Anno 1765 The 18th of February Anno 1765. Because it was shown therein that the same cannot fetch the ordinary prices, it was resolved alongside mentioned to dispose of the same as speedily as possible. The most noticeable differences which were furthermore stated for the brown-blue linens are approximately: 10 corgies Tuinees Sadraspatnam ordinary sort, for which no more can be stipulated than . . . . . . Thl. 7: 8:—: 114 ditto Portonovos likewise - - - - - - - - 7: 4: = and 12 ditto Nagapatnams - - - - - - - 7: =: = And since, of the 561 packs projected for this main office according to the letter from Their High Excellencies dated the 24th of May, not all were brought over, and consequently also not the full 141 packs regarding which (though unspecified as to which sort) Their High Excellencies had added an authorization for sale at 2 to 3 percent less, we have in drawing up the annexed price current also been unable to pay heed to these 141 packs, but have only followed the report of the inspection; from which elaborate price current Your Honorable Worships will perceive that the Coromandel linens, on average, despite the stated poor quality of some, still yield a generous 41 1/10 percent and the Surat linens their 20 percent, just as the Bengal linens, which at present yield only 19 1/5, would also have yielded well over their percentages were the difference in the purchase price of the gerasses not so great; for the corgie that in earlier accounting years was still sold here for the same price now costs 70 to 80 guilders more per pack at purchase than at that time, and yet we can stipulate no more for it than was paid for it at that time, and on which basis the same were also requisitioned. On all this, we request to be furnished with Your Honorable Worships' orders, and have the honor to remain with due respect. (Below stood:) Honorable Worshipful Gentleman and Gentlemen. (Lower:) Your Honorable Worships' humble and obedient servants. (Was signed:) J. H. Thierens and Frans Deuglas. (In the margin:) Padang on Sumatra's West Coast, the 18th of February Anno 1765. And whereas it appeared therefrom that those goods, due to the poor condition of some sorts, could not be disposed of for the ordinary prices, and according to a price current submitted therewith could on average only turn a profit of 4 1/10 percent for the Coast goods, 19 1/5 for the Bengal, and 20 percent for the Surat, the gold being calculated at 331 guilders 10 stivers per Mark Holland; the Commander thereupon submitted for discussion whether one should pick out those sorts which due to their poor condition could not fetch the ordinary prices and send them back to Batavia, or whether it would not be best that one sought to relieve the Honorable Company at the same time of both the bad and the good, the more so as the offered prices did not differ much from the ordinary, and those goods, by lying longer in the warehouses or being sent to Batavia, must certainly come to diminish in their value: after consideration of all of which, it was judged best for the service and true interest of the Honorable Company to dispose of the same as soon as possible, and it was thereupon, by virtue of the license granted by Their High Excellencies by letter of the 24th of May of the past year, resolved and decided upon this matter to authorize the administrators to proceed with the sale of those linens according to the tenor of the mentioned price current, which in the meantime shall be dispatched to Their High Excellencies with a humble request for their favorable approval. 40/. The 18th of February Anno 1765. The 18th of February Anno 1765. The administrators to be authorized to proceed according to the tenor of the alongside mentioned price current. The alongside mentioned youth for 5 guilders. The alongside mentioned letter and presents from the Panglima and sent to Batavia. After which the skipper of Westfriesland made known that his supply of provisions was not sufficient for the return voyage to Batavia, and he therefore took the liberty to humbly request that he might be accommodated with one month's rations for his ship's crew; and as the same appeared to be so from the expense account submitted, it was deemed proper to grant his request and to order the administrators to provide him with one month's rations, according to the latest regulation shown to us. Furthermore, a request having been made by the pay bookkeeper Willem Fredrik Mersz to take into service the youth Jacob Hulseboss from Padang, 12 years of age, as a cabin boy, it was resolved upon this to grant this request and to assign him the wage of 5 guilders per month under a contract of 10 years. The sergeants Jan Jurgen Timmerman and Johan Nicolaas Diederig, alongside the trumpeter Jan Jacob Albregt. Whereafter the Regents of Padang delivered a letter to Their High Excellencies, and a gift of 15 Thails of gold, with the request to present both to Their High Excellencies; after acceptance of which it was decided to have the gold entered in favor of the gifts account in the trade books, and to send the same, along with the letter, to Batavia on the ship Westfriesland. Whereafter Merchant [illegible]

Dutch transcription

38/. 39/. Den 18en. Februarij Ao. 1765 Den 18„e Februarij. A o 1765. Dewijl daarbij aangetoont werd deselve de gewoone prijsen niet kunnen haalen zoo werd het neeven gen: door besluijt on deselve zoo spr. „dig moogelijk van de Hand te De merkelijkste verschillen, die wijders opgegeeven zijn bij de Bruijn Blauwe Lijwaaten, zijn om- =trend. 10. Corgies. Tuinees Sadrasp: gew: Zoort, daar niet meer Kan voor bedongen worden als. . . . . . Thl. 7: 8:—: 114. _„ o Portonovos insgelijks - - - - - - - - „ 7: 4: = en 12: _„o Nagapatnams - - - - - - - „ 7: =: = En alzoo de voor die Hoofd-Commptoir volgens brieve van Haar Hoog. Edelens de dato 24sen Maij geprojecteerde 561 Pakken niet alle zijn aangebragt dierhalven ook niet de volle 141. Pakken waar omtrend /: schoon ongespecificeert welke zoort :/ Haar Hoog Edelens eene qualificatie hadde bijgevoegt ter verkoop met 2 a 3„ pro Centos minder, zoo hebben wij in het formeeren der annexe Prijs-courant, ook geen agt Kunnen slaan op deese 141 Pakken, maar alleen gevolgt het Rapport der Visentatie, uijt welke uijtgewerkte Prijs= Courant uw: E: Agtb:r ontwaaren zullen, dat de Cormandelse Lijwaaten door den ander onaangezien de gezegte slegtheijd van Sommi„ =ge nog 41 1/0 ruyme pro Centos en de Sererattse haare 20 pro centos haalen, gelijk de Bengaalse, die thans maar 19 1/5 afwerpen, ook ruijm haare procentes zouden afgeworpen hebben, was het verschil in de Inkoops- prijse der Gerassen niet zoo groot, want het Corgie dat in vroegere Boekjaaren nog voor deselve prijs hier verkogt is, Kost thans 't Pak inkoops ƒ70. a. 80. meer als in die tijd, en Kon„ =nen wij daar egter niets meerder voor bedingen als doen maa =lig daarvoor gegeeven is, en op welk fundament de„ selve ook geeijscht zijn; wij versoeken op deese alle met uw: Edele Agtbaarens ordre te moogen werden gemunieerd. en hebben de Eere met schuldige Eerbieel te zijn. /:onder stond:/ E. E. Agtbaa„ „re Heer en Heeren /:laager:/ uw: E. E. Agtbaarens onderdaanige en gehoorsaame Dienaaren /:was geteekend:/ I„n H s Thierens en Frans Deuglas /: in margine :/ Padang op Sumatras West. Cust den 18e. februarij Ao. 1765. En alzoo daar uijt bleek, dat die toe „deren, door de slegte gesteltheijd van Sommige soorten voor de gewoone Prijsen niet afte zet- „ten waaren, en volgens een daarbij overgelegten- Prijs„ Courant door malkanderen eenelijk konden profiteeren, de Custgoederen 4 1/10 p.r C=to de Ben- „gaalse 19 1/5: en de Sourattse 20 p:s c: het Goud gereekent zijnde â ƒ 331:10. 't marq H: zoo gaff den Heer Gezaghebber hierop in omvraage, off men die soor den H:r Geraghebber in omma„ ten welke door haare slegte Constitutie de gewoone prij¬ =sen niet konden haalen daar uijt zoude ligten, en na Batavia terug zenden; dan wel, off het niet best was, dat men d. E. Comp ne te gelijk sogte 't ontlasten, zoo wel van 't quaade als van 't goede, te meer daar de geof„ „serreerde Prijsen, niet veel met de ordinaire verschil= den, en die goederen door Langer in de Pakhuijsen te leggen, off na Batavia versonden te worden, zeekerlijk in hunne waarde moesten koomen te vermindeeren: Na overweeginge van welk een en ander, men voor den dienst ont weesen zetten. „lijke belang der E. Compagnie best ordeelde, de „selve zoo spoedig moogelijk was van de hand te zet. ten, en wierd oversulx uijt Kragte van Haar Hoog „ge gelegt. Edelens 2 ƒ 40/. M. Den 18e Februarij Ao. 1765. Den 18„e Februarij Ao 1765. De Administrateurs te quali= =neur van neevens gem: prijscon„ „rant voort te vaaren. aankebieden. dtenen en teteten Neevensgem: Jongeling voor ƒ 5.„ daarmeede in oegen bij zij„ Neevensgem: brief en Teschem ken van den Panglima en naar Batavia verloos. Edelens verleende Licentie bij brief van den 24e Maij des gepasseerden Iaars, hier op goedgevonden fieren met den verkopn ater en beslooten, de Administrateurs te qualificee „zen, met den verkoop dier Lijwaaten voort te vaaren, na den Teneur van gem: Prijs-Courant dien men de Top: Cuar: A: V: Ed: in middels aan Haar Hoog: Edelens zal laaten affgaan, met needrig verzoek om Desselfs gunstige approbatie. Na 't welke den Schipper van Westfriesland te kennen gaff, dat zijn voor= =raat van Proviant voor de terug- reijse na Batavia niet toereijkende was, en hij oversulx de Vrijheijd naam needrig te versoeken, om met een maand Randsoen voor zijn scheeps Volk gerieft te moogen worden, en alzoo het zelve uijt de aangebragte onkost= reekening zoodaanig gebleeken was; zoo vond men goed zijn versoek te accordeeren en de Administrateurs te gelasten, aan Den „selven een Maand Randcoen te verstrek „ken, na volgens het jongste Reglement aan ons verthoond Voorts door den Zoldij-boek. =houder Willem Fredrik Mersz: verzoek ge.: and dier vangewooren =daan zijnde, om den Iongeling Iacob Hulze„ =boss van Padang oud 12 Iaaren, als scheeps„ „Jongen in dienst te neemen, zoo wierd hier =op verstaan, dit versoek toetestaan, en der zelven toeteleggen de gagie van ƒ5=: p:s maand onder een Verband van 10 Iaaren. De Zerganten Ian Iurgen Neevens gem: dienaaren Timmerman, en Iohan Nicolaas Diederig beneevens den Trompetter Jan Jacob Albregt Waarna door de Padangse Regenten overgeleevert wierd een brief aan staan egene van di k ros Hoog Edelens, en een geschenk van 15 Thailen Goudt, met versoek om het een- en -ander Hoog- Dezelve aantebieden, na acceptatie van 't welke men besloot, het Goudt ten faveure der Ree= =kening van Schenkagie bij de Negotie-Boeken te den tehndelen laaten inneemen, en het zelve, beneevens den brief met het schip Westfriesland na Bata- =via te versenden Waarnaa Koopman iek

NL-HaNA_1.04.02_3184_0106 view scan ↗

English

The 18th of February Anno 1765. Departure of Westfriesland on the 27th instant. Merchant, having humbly requested to be allowed to be relieved and sent to Batavia due to the ample expiration of his term; it was consequently understood to condescend to his request, and to let him depart thither on the ship Westfriesland. Furthermore, the Chinese Lims Hoeko having requested by petition to be allowed to return to Batavia as a passenger on the aforementioned vessel, it was deemed proper to grant his request, provided that he pays the customary transport and board money at Batavia. Finally, it was also deemed proper and resolved to determine the departure of the ship Westfriesland for the 27th of this current month. Thus done, resolved, and decreed in the Dutch Settlement at Padang on Sumatra's West Coast, on the day, month, and year aforesaid. Signed: Hendrik van Staveren, Frans Douglas, Jan Calcoen van Limbourg, Jan Fredrik Willem Nicolai, the Secretary, and Jacob Fredriks. Tuesday the 26th of February Anno 1765. All present. Resumption of the aforesaid. Session having been taken, the Administrators initially delivered the report and the findings on the cargo brought from Batavia by the ship Westfriesland, of contents as follows: Report to the Honorable Hendrik van Staveren, Commander over Sumatra's West Coast. Honorable Sir, The undersigned, as expressly appointed commissioners over the receipt of the cargo of the ship Westfriesland, have the honor to inform Your Honor that the cargo of the aforementioned ship has been delivered in the following manner, namely: 34500 lb Iron, long flat 54 lasts of salt, at 52 measures each 6984 cans of arrack in 20 leagers Concerning the 472 packages of linens, which were weighed, inspected, and measured by separate commissioners, we refer to their report. The remaining goods have all been well received according to the invoice, wherewith we hope to have complied with Your Honor's esteemed order, while we remain with respect, Honorable Sir, Your Honor's most humble servants. Signed: Jan Anton van Koningsmark and Pieter Oland. In the margin: Padang, the 25th of February Anno 1765. Findings on the delivered cargo of the ship Westfriesland, arrived here from Batavia on the 9th of December 1764, namely: Iron, long flat According to invoice: 35025 lb Received: 34500 lb Thus short: 525 lb For 1 1/2 per cent ship's weight deficit: 525 lb Thus well delivered: 0 lb Arrack Api According to invoice, 20 leagers or 7760 cans Received in 20 ditto: 6984 cans Short, 2 leagers or 776 cans For 10 per cent ship's leakage: 776 cans Thus well delivered. Java Salt According to invoice: 54 lasts This parcel having been registered at 58 measures per last, the skipper has deducted his percentage himself, and these are taken into the books at 54 lasts, without further leakage. The 472 packages of linens brought in, received by express commissioners according to the attached report, and several of them having been opened, indicate that: 33 packages of common bleached Guinees, except for the heads, are all stained on the pieces, which we only report here as having occurred without the skipper's fault, since all packages were found to be in good condition externally, as also appears from the aforementioned report. Which linens still yield 41 1/5 per cent profit in gold according to the price current. The remaining goods, according to the report, have all been delivered well according to the invoice. Below was written: Padang, the 25th of February 1765. Signed: J. A. Thierens and P. Douglas. Reading of 2 Chinese notes. To have the deficit written off to Profit and Loss. And since, after resumption of the one and the other, it appeared that this cargo was delivered externally in good condition, and nothing thereof was found short or over except the permitted leakage on the weighed goods, it was deemed proper to validate such to the ship's officers, and to have it written off to the Profit and Loss account in the trade books. Furthermore, reading having been taken of 2 Chinese notes.

Dutch transcription

43 Den 18en Februarij Ao. 1765. En in 't versoek van beseijde gen„ bnen geken. 's vertrek van Westfries Land op den 27e' depart. Rapport van de uijtleeve ring van Westfriesland Koopman, needrig versogt hebbende, om mits ruijme tijds expiratie na Batavia verlost te moogen werden; zoo wierd oversulx verstaan in haarh: versoek te condescendeeren, en dezelve met het schip Westfriesland derwaards te laaten ofgaan Wijders door den Chinees Lims Hoeko bij Request versogt zijnde, om met op„ =gemelde bodem als Passagier na Batavia te moogen retourneeren, zoo wierd goed gevonden hem zijn versoek t'accordeeren, mits op Batavia betaalende, het gewoone Transport en Kostgeld. Eijndelijk zoo wierd nog goed- „gevonden en beslooten, het vertrek van het schip Westfriesland te bepaalen op den 27. en van deese loopende Maand. Aldus Gedaan, Geresolveert en G'arresteert in 't Need=s Comptoir Te Padang. op Suma= „tras. West Cust, Ten Dage, maand, en Iaare voormeld: /:was gete. „kenrt:/ Hendrik van Staveren, Frans Douglas, Jan Cal= „coen van Limbourg, Ian Fredrik Willem Nicolai, den Seort:s en Jacob Fredriks. Sessie genoomen zijnde, zoo wierd Resumptie van neomsg. aanvangelijk door de Administrateurs overgelee= „vert, het Rapport en de Bevindinge op de van Batavia aangebragte Laadinge p:r 't schip West- vriesland, van inhoud als volgt. Rapport Aan DE: Agtb: Heer Hendrik van Staveren Gezaghebber over Sumatras WestCurst. E. Agtbaare Heer De ondergeteekendens als expresse ge¬ „committeerdens, over den ontfangst van de Laading van 't schip Westfriesland, hebben d' eene uw: E: Agtbaarens te berigter, dat de Laading van het gem: schip in volgender maniere uijtgeleevert is, als. 34500 lb Yser Lang Platt. 54 „ Lasten zout, â 52. maaten ider 6984. Kan Aracq in 20 Leggers. Aanlangende de 472 Pakker met Lijwaaten, die door aparte gecommitteerdens, gewoogen Dingsdag den 26:en Februarij A:o 1765. Alle Present. Dingsdag gevisiteert. 42. /. ƒ Den 26en. Februarij Ao. 1765. gevisiteert en gemeeten zijn; zoo gedraagen wij ons aan derselver berigt. De ovrige Goederen, zijn alle volgens factuur wel ontfangen, waarmeede verhoopen aan uo: E: Agtbaarens geerde ordre voldaan te hebben, terwijl wij ons met agting noemen /:onder stord:/ E: Agtbaare Heer /:laager:/ Uw: E: Agtbaarens onderdaanigste dienaaren /: was geteekent:/ I„n A„n Van Koningsmark en P:r Oland /: in margine:/ Padang den 25. 'e Febr: A. o 1765. Bevinding op de uijtgeleeverde Lading. van het schip Westfries Land op den 9„en Xb:r 1764. al- hier van Batavia aangekoomen, als. IJser Lang Platt Volgens factuur. . . . . . . . . . . lb: 35025. —„ ontfangen. . . . . . . . . . - . - - „ 34500: —: Dus te min: lb 525: — Voor 1½ pr C„to scheeps minwigt - - - - - - - - „ 325: —: Dus wel geleevert. . . . lb: — Aracq Apij Na de factuur 20 Leggers off kannen 7760: -. Ontfangen in 20 _„ _:o 6984: —: Te min 2 Leggers off kan: 776: —: Voor 30 p. s cf scheeps spillagie - - - . - - - 776: —: alzoo wel uijtgeleevert. Zout Iavas. Volgens Factuur. - - - - - - - - - L.:d 54: —: Deese parthij met 58 maaten de Last aangeschreeven zijn =de, zoo heeft den schipper zijn precentos in sig selfs affgetrokken, en werden deese met 54. Lasten, zon¬ En alzoo na resumptie van het een 'T mindere op Winsver =en = ander consteerde, dat deese Laadinge uijterlijk wel geconditioneerd uijtgeleeverd, en niets daarop te kort off over bevonden was, als de gepermitteerde spillagie op de Pond. Goederen, zoo vond men goed zulke de Scheeps. Overheeden te valideeren, en op Reekening van Winsten, Verlies bij de Negotie- Boeken te laaten affschrijven Wijders Lectuure genoomen zijnde Lectuure van 2 Chinoose Den 26en Februarij Ao. 1765 „der verder spillagie bij de boeken in genoomen. De aangebragte 47=2 Pakker Lijwaaten in hoort, door =expresse Gecommitteerdens volgens bijgelegde Rapport ontfangen, en daarvan verscheijde g'oopend zijnde, geeven te kennen, dat; 33. Pakken Guinees Gemeen Gebleekt, sonder zoo de Hoofden, alle Peesen gevlakt zijn, 't welke wij alleenig maar hier melden, dat zulx buijten den Schipper zijn toedoen geschied is, alzoo alle Pakken van buijten wel geconditioneerd bevonden zijn, blijkens al meede gemelde Rapport. Welke Lijwaaten bij de Prijs-courant in Goudt nog afwerpen 41 1/5 p. r C. t. r=m. De ovrige Goederen zijn volgens Rapport al¬ =ze wel na de Factuur uijtgeleevert. /: onder stond:s Parang den 25„e Februarij 1765. ti was geteekent:/ J: A: Thierens en P: Douglas der Van 44. /. : briefjes. Verlies te laaten afschrijven ƒ

NL-HaNA_1.04.02_3184_0108 view scan ↗

English

46 / The 26 February Anno 1761 The 26th February Anno 1765 and thereby to satisfy what was requested To have the ship Westfriesland call at Chinko to take in the pepper there The chief mate of Westfriesland having died. Job Dussenthun was appointed subject to approval of their High Excellencies. request for passage to Batavia granted. recommended to their High Excellencies. Altena has made known, that, with regard to the receipt of 2 Chinko letters, dated the 24th and 26th of this month, it was seen therefrom that the servants requested 2 bahar of iron, and a quantity of masonry and floor bricks, which it was decided to send to them at the earliest opportunity, together with the requested salt. Furthermore, it having been made known by the same in the mentioned letters that 21000 pounds of pepper lay ready there for shipment, it was thereupon agreed to have the ship Westfriesland call there to take it in, and also transport it to Batavia. Hereafter, the Lord Authority communicated to the meeting the passing of the Chief Mate on the ship Westfriesland, named Jan Willem Muller, with a proposal to appoint another capable man in his place; and there being proposed for this, the Second Mate serving on the shallop De Haazewind, Job Dussenthun, it was agreed to appoint him as Chief Mate, subject to the approval of their High Excellencies, in order to perform his service in that capacity on the aforementioned vessel. Subsequently, it having been made known by the Assayer, Fredrik Altena, through a written report, that the Pay Bookkeeper Willem Fredrik Mersz is currently fully capable of functioning as Assayer at Padang, with the request that this council might see fit to give notice hereof to their High Excellencies, and to recommend his person and advanced years to them, to the end that it may please their High Excellencies to favor him with another employment when the opportunity arises; Whereupon it was approved and agreed to grant the petitioner's request, and to make the necessary mention of both matters in the outgoing letter. Furthermore, it having been humbly requested by the Assistant Jurgen Swaanevelder, on account of his continuing indisposition and poor eyesight, to be granted passage to Batavia, it was decided, for the aforementioned reasons, to grant his request, and to have him sail thither on the ship Westfriesland. Finally, the Lord Authority presented for reading the letter prepared for their High Excellencies, after the review of which it was agreed to approve it as such, and to have it dispatched to their High Excellencies with the aforementioned vessel. Thus done, resolved, and decreed; in the Dutch Settlement At Padang on Sumatra's West Coast, On the day, month, and year aforesaid. (was signed:) Hendrik van Staveren, Jan Anthonij Thierens, Frans Douglas, Jan Calcoen van Limburg, Jan Fredrik Willem Nicolai Member and Secretary, and Jacob Fredriks. The 26th February Anno 1765. The letter to their High Excellencies Arrival and departure of the English vessel mentioned alongside to be allowed to proceed against the persons mentioned alongside Thursday The 14th March Anno 1765. All Present Before proceeding to the business of the planned matters, it was deemed proper to note down the following, namely: First: That on the 1st of this month, the small English ship Prince Henry arrived at anchor in these roads from Natal, and departed on the 7th thereafter for Bengkulu, transporting thither the Natal Resident, Mr. Wyatt, whose presence was required by the Bengkulu administration. Secondly: That the Lord Authority, upon a report received from the Fiscal concerning the apprehension of two European sailors and a slave boy, who had made themselves guilty of desertion and theft, gave orders to the said officer on the 7th of this month to proceed against the said persons. 48 / 1 f 19:

Dutch transcription

46 / Den 26 Februarij Ao. 1761 Den 26e. Februarij A:o. 1765 z daarbij geeijserk te voldoen Het Schip Ves Viesrland op Chino te laaten aangiven om de Peeper, aldaar in teramen Den opershumimen van Verstrae Land overleeden zijnde. werd Diserskon er die laat op aapprobati van E. . d beroemrt. soek na Batavia verlost. H: H. Edl: oortedraagen. Aldena heeft te kennen gegeen =ver, dat merk: tot het assieren i Mar is orszi: van 2 Chincoose Briefjes, de datis 24 en 26„e deeser zoo zag men daaruijt, dat de Bediendens versogten om 2 Bhaar ijser, en een parthij Metsel en Vloer steenen, die men besloot haar, beneevens het ge¬ eijschte zout ten eersten te laaten toekoomen E Voorts door deselve bij gem: briefjes - nog te kennen gegeeven zijnde, dat aldaar ter ver= „sending- gereed laagen 21000 Ponden Peeper, zoo wierd hier op verstaan, het schip Westfriesland aldaar te laaten aangieven, om deselve inteneemen, en meede na Batavia overtevoeren Hierna Communiceerde den Heer Gezaghebber aan de Vergaaderinge het overleijden van den Opperstuurman op 't Schip Westfriesland in naame Jan Willem Muller met propositie om een ander bequam man in zijn plaats aante- stellen, en hiertoe voorgeslaagen zijnde, den op de Chialoup De Haazewind dienstdoen den onder„ „Stuurman Job Dussenthun, zoo wierd ver¬ staan denzelver op approbatie van Haar Hoog: Vervolgens door den Essaijeur, Fredrik Altena bij een schrifftelijk berigt te kennen gegeeven zijnde, dat den zoldij- Boekhouder Willem Fredrik Mersz: thans volkoomen in staat was, om als Essaijeur op Padang te kunnen Jungeeren, met versoek dat deesen raad „nogte goedvinden, hiervan aan Haar Hoog Ede, zijn revengem versek lens Kennisse te geeven, en zijn Persoon en hoo¬ „ge Iaaren Dezelve voordraagen, ten eijnde het Hoog Dezelve behaagen mooge, hem bij ge¬ leegentheijd met een ander Emplooij te begunstigen„ Waarop goedgevonden en verstaan wierd, des Suppl: versoek t' accordeeren, en van het een - en - ander bij afftegaane brief de noodige mentie te maaken Voorts door den Adsistent; Ian Swaaneelde per= Iurgen Swaanevelder needrig versogt zijnde, mits zijne aanhoudende indispositie en Slegte gezigts Edelens aan te stellen tot Opperstuurman, ten eijnde om in die hoedaanigheid zijn dienst op voormelden Bodem te presteeren Edelens ga e ƒ Den 26e Februaarij Ao. 1765. De brief aan H. H. Ed. zoo Arrive en vertrek van neevengeg„ om tegens nevens gem: per„ soonen te mogen procen gesteldheijd, na Batavia verlost te worden zoo wierd om voormelde reedenen beslooten, in zijn versoek te bewilligen, en denselven met het schip West. =friesland, na derwaarts te laaten overvaaren Eijndelijk zoo gaff den Heere al deselve lgft n aat ien ezaghebber nog ter Lectuure over, den in gereedtheijd gebragter Brieff aan Haar. Hoog: Edelens, na welks resumptie verstaan wierd, denselven zoodaanig te approbeeren, en met opgemelde Bodem aan Hoog= Deselve te laaten Affgaan. Aldus Gedaan Gerecolveert en G'arresteert; in 't Neederlands Comptoir Te Padang op Sumatras Westcust Ten Daage Maand en Iaare voormeld /:was geteekend:/ Hendrik van Staveren; Ian Antho„ „nij Thierens, Frans Douglas, Ian Calcoen v:n Limburg, Jan Fredrik Willem Nicolai Leden Seck:. en Jacob Fredriks. Eerstelijk: Dat op den 1en deeser van Nattar op deese Rheede ten Anker ge„ „koomen, en den 7„e daaraan na Bancoulen ver- „trokken is, 't Engelse Scheepje de Prins Henrij na derwaards overbrengende, den Nattersen Re„ =sident M„r Wijatt, wiens teegenswoordigheijd, door 't Bancoelse Ministerie gerequireerd was. Tweedens: Dat den Heer den fiscoul geqeustifiert Gezaghebber op ontfangen Rapport van den Fiscaal doeriwt weegens d'apprehensie van Twee Europeese Mat„ „troosen en een slaaven Iongen, welke zig aan Desertie en Diefstall schuldig gemaakt hadder op den 7„e deeser ordre aan gemelde Officier Engelse Bodem Alvoorens men tot de Be¬ „soigne van de voorgenoomene zaaken over „ging, zoo vond men goed, in deesen het volgende aan te teekenen als. Donderdag Den 14„e Maart A:o 1763. Alle Present Don gegeeven 48/. 1 ƒ 19:

NL-HaNA_1.04.02_3184_0110 view scan ↗

English

59. 51/ The 14th of March Anno 1765. The 14th of March Anno 1765. Westfriesland out of sight. Reconsideration of a letter from Adjerhadja; the Resident's requisition to be met as far as possible. In addition, aforementioned deserters taken into service. Reconsideration of a letter from Aijerbangies; authorized to write off the aforementioned. authorized him to proceed against them before the Honorable Court of Justice according to the form and style of law. Thirdly: That the ship Westfriesland, which departed from here via Chined to Batavia, was lost from sight of this roadstead on the 11th of this month. These matters having thus been noted, a received letter from Adjerhadja was reconsidered, in which Resident Challier initially requested that, with the cargo prahu he sent over, he might obtain the cash and necessities listed in his previous and present requisition; after reconsideration of which matters, it was approved to dispatch with the said cargo prahu whatever can be conveniently fulfilled therewith. Furthermore, having been sent over by the said Resident three European military deserters from the English, by name John Midden, After this, a reading was taken of a letter from Aijerbangies dated the 2nd of this month, by which Resident Boudewijnsz. Furthermore, report having been given by the aforementioned Resident that the Buginese soldier Foeloe Sondhaar had died there on the 9th of February, and that he had advanced the usual burial costs for him, requesting to have these placed on the account of the deceased; in which it was agreed to consent, and further to order the Pay Bookkeeper to write off the pay of the said Buginese under the aforementioned date. John Mackeij and Arthur Ribbertij, who requested to be taken into the service of the Honorable Company, it was thereupon resolved to grant their request, and to accept the third as a soldier, and the first two as sailors, and to grant each of them the pay of f 9 per month under an engagement of five years commencing today. John over 53/ The 14th of March Anno 1765. The 14th of March Anno 1765. To fulfill the requisition of the Resident via the Haasewind. Authorized the same to write off the two aforementioned cargo prahus. Resolution to dispatch the Goudvink to Baros with the aforementioned. Reconsideration of the aforementioned report on the sold stamps. sent over a requisition for some merchandise and other necessities, which he requested to obtain along with what had already been requisitioned previously; after examination of which matters, it was approved and resolved to satisfy everything for him at once, and to send this to him promptly via the sloop de Haazewind. The said Resident having also sent over a report under offer of oath, stating that the two cargo prahus present there had become unfit for further use, with the request to write them off and be allowed to have two others built, it was thereupon resolved to permit him to write off these two unfit prahus in his books after the swearing of the report, and then to have two others built, provided they do not exceed the fixed and customary price. The matters concerning the offices of Adjerhadja and Aijerbangies being herewith concluded, the Administrator submitted for consideration that, whereas of this year's requisition for the Baros office only about half of the required cash, merchandise, and necessities had been supplied so far, whether it would not be advisable now, since the sloops could be spared, to send the remainder to Resident Sieben. After deliberation on this proposal, it was approved and resolved to dispatch the remainder of the Baros requisition thither promptly with the sloop de Goudvink, along with the received present and the letter from Their High Excellencies for the Radja and the other Regents there. Furthermore, a report having been submitted by the First Administrator of the stamps initialed and sold in the past six months, or from the first of September Anno passato to the last of February of this year, of the following content:

Dutch transcription

59. 51/ Den 14 Maart A„o 1765. Den 14e. Maart Ao. 1765. Wesvriesland uit het zigt Resumptie van een briefje van adjerhad„ des residents Eijsch na Neevens gem: overloo„ „pers in dienst genoo„ „men. —. Resumptie van een briefje uijt de Aijerborgies tot de afz: van 't nee„ „vens gem: gequalifficeert gegeeven heeft, om teegens dezelve voor den Agtbaaren Raad van Justitie na Form en Stijl. van Regten te procedeeren Derdens: Dat het van hier over Chined na Batavia vertrokkene schip Westfries Land, op den 11:e deeser uijt het gezigt van deese Rheede geraakt is. Dit een- en ander dus genoteert zijnde, zoo resumeerde men een ontfangen brief je van Adjerhadja, waarbij den Resident Chal„ „lier aanvangelijk versogte, met zijne overge- „sondene Last Prauw te moogen erlangen de Contanten en Benoodigtheeden, bij zijn voorig en mogelijkhid te voldoen present Eijschje bekend staande; na resump„ =tie van welk een ren-ander, men goedvond met gem: Last. Trouw te laaten affgaan, 't geene daar „meede gevoegelijk kan werden voldaan. Wijders door gemelden Resi= =dent, overgesonden zijnde, drie van de Engelse over„ =geloopene Europeese militairen, in naame John Midden. Hierna lectuure genoomen zijnde van een briefje van Aijerbangies de dato 2„e deeser bij 't welke den Resident Boudewijnsz: Verders nog door voorm: Resi en zoldij boekhouder „dent berigt gegeeven zijnde, dat den Boegineesen zoldaat Foeloe sondhaar op den 9:e februarij, aldaar overleeden was, en hij voor denselven verschooten hadde de gewoone begraff ongelden met versoek zulke op reekening van den overleedenen te laaten stellen;, waarin verstaan wierd te consenteeren, en voorts den zoldij- Boekhouder te gelasten, de gagie van gemelden Boeginees onder opgemelden datum Affte schrijven John Mackeij en Arthur Ribbertij, welke versogten in dienst d. E. Compe te moogen wer¬ =den aangenoomen, en wierd hierop verstaan, in haar versoek te bewilligen, en den derden als zoldaat, en de twee eerste als mattroosen 't accepteeren, en deselve ijder toe te leggen, de Ga„ „gie van ƒ 9 p. maand onder een verband van vijff Iaaren heeden ingaande. John over „sa. —. ƒ 53/ Den 14„e Maart A:. 1765. Den 14„e Maart A„o 1765: den Eijsch van den Re„ „sident p:r de Haasewind te voldoen. —. denselve tot de afsz: van neevens gem: twee Lastprouwen gequ quali„ „ficiert. —. Besluit om de Goud„ „vink met het neevens gem: Resumptie van neevengem: berigt der verdebiteerd Zeguls Oversond, een Eijschje van eenige Koopman- „schappen en andere Benoodigtheeden, die hij versogte in 't gesellschap van 't reeds te vooren ge„ =requireerde te moogen erlangen, na examinatie van welk een - en = ander, men goedvond en be- =sloot, aan hem alles te gelijk te voldoen, en hem zulx ten eersten te laaten toekoomen p. r de Chia. -loup de Haazewind. Gemelde Resident teffens meede overgesonden hebbende, een Rapport onder presen =tatie van Eede, dat de Twee aldaar zijnde Last„ Trouwen, tot een verder gebruijk onbequaam geworden waaren, met versoek om deselve afteschrijven, en twee andere te moogen laaten aanmaaken, en wierd hierop verstaan, hem te permitteeren, deese Twee onbequa¬ =me Prouwer nade beëdiging van 't Rapport bij zij„ ne Boekjes affteschrijven, en alsdan twee andere te laaten aanmaaken, mits niet excedeerende den daar „voor gestelden en gewoonen prijs. De zaaken zaakende de Comptoiren naar Baroste zinden Adjerhadja en Aijerbangies, hiermeede Voorts door den Eersten Ad ministrateur ingediend zijnde een berigt van de in de jongst gepasseerde ses. maan- „den off tseedert Primo September Ao passato, tot ultimo Februaarij deeses Iaars geparapheerde, en verdebiteerde Ze. guls, van den volgenden Inhoud affgedaan zijnde, zoo gaff den Heer Gezagheb =ber in overweeging, dat aangezien op den dit= =jaarigen Eijsch, voor 't Comptoir Baros, maar eerst circa de helfte van de gevorderde Contanten Koopmanschappen, en benoodigtheeden voldaan was, of het derhalven thans, daar de Chialoupen konden gemul werden niet goed waare, den Resident Sieben het ovrige te laaten toekoomen, Na deliberatie over welk voorstell, goed gevon„ „den en g'arresteert wierd, het restant van den Barossen Eijsch ten eersten met de Chialoup de Goudvink na derwaards te laaten affgaan met het ontfangene geschenk en den brief van Haar Hoog- Edelens, voor den Radja en de verdere Regenten aldaar a. Aan e 521. 1 k 2

NL-HaNA_1.04.02_3184_0112 view scan ↗

English

The 14th of March, Anno 1765. To the Honorable, Respected Sir, Hendrik van Staveren, Commander of this Coast, together with the other Honorable Members of the Respected Council of Policy. Respected Sir and Gentlemen! The undersigned, First Administrator of this Commerce, in his capacity as signer of the Stamped Paper, has the honor herewith to present to Your Honors, as is customary, that in the past half book-year, or from the first of September until the end of the past month, there has been debited in stamps a sum of 88 rixdollars, namely: From Rd:s 10: - - - - 1 piece - - - - - - Rd:s 10:—:— From Rd:s 5: - - - - 3 pieces - - - - - - Rd:s 15:—:— From Rd:s 1: - - - - 3 pieces - - - - - - Rd:s 3:—:— From Rd:s —: 24: — - - 32 pieces - - - - - - Rd:s 16:—:— From Rd:s —: 12: — - - 80 pieces - - - - - - Rd:s 20:—:— From Rd:s —: 6: — - - 192 pieces - - - - - - Rd:s 24:—:— Sum: Rd:s 88:—:— Wherewith the undersigned has the honor to boast himself with all respect, Beneath stood: Honorable, Respected Sir and Gentlemen, Lower: Your Honors' humble servant, Was signed: J.P.A. Thierens In the margin: Padang, the 1st of March 1765. After the reading thereof, it was approved to have the proceeds collected for it, amounting to 88 rixdollars, paid into the Honorable Company's treasury. Finally, the Commander communicated further to the members that, upon reviewing the specifications, his Honor had noticed that the expenses for the hired hands whom one recently had to employ for the unloading of the ship Westvriesland, due to a shortage of sufficient Company slaves, turned out to be somewhat high; and whether it would therefore not be useful, in order to avoid this for the future, to send a sloop with some sought-after goods to Nias to barter against them such a number of slaves as was lacking; all the more because it was besides necessary that someone be sent thither to demand satisfaction from the inhabitants of Simanbouwa for the murder committed there recently on the Padang citizen Veldhuijsen, as well as to obtain some thorough intelligence regarding the trade which the English conduct there, and which, according to rumors, began to become somewhat frequent. After ripe deliberation whereof, for the reasons alleged by his Honor, it was approved and resolved to conform with the proposal of the Commander, pursuant to which it was agreed to employ for this purpose the sloop the Ida Wilhelmina, and to appoint to that commission the Master of the Equippage Gerrit Coerte and the Pay Bookkeeper Willem Fredrik Meersz, who to that end shall be provided with proper instructions and ordered upon their return to deliver a precise written report. Thus done, resolved, and decreed, in the Dutch Company's Office at Padang on Sumatra's West Coast, on the day, month, and year aforesaid. Was signed: Hendrik van Staveren, Jan Anthonij Thierens, Frans Douglas, Jan Calkoen van Limburg, Jan Fredrik Willem Nicolai, Member and Secretary, and Jacob Fredriks. Tuesday the 30th of April, Anno 1765. All Present. Introduction. Since the latest meeting of the 14th of March until the date hereof, no matters having occurred that required a formal session, and what was done in the meantime having been mostly the consequences of previous resolutions: for those reasons it was merely approved to keep the necessary record thereof herein, namely: Firstly: That the cargo prahu sent over by the Resident Challier of Adjerhadja departed again thither on the 15th of March, with such cash and necessities as he had requisitioned, and according to a letter of the 4th of April, were properly received there. Secondly: That the sloop the Stern, which via the Haazewind on the 16th of March, with the goods and cash sent by the Resident to Ayerbangies were properly received there.

Dutch transcription

34/. 55. Den 14„e. Maart Ao 1765. geme: verrigtingen „hebber om een Chialoup Om dat de Huurlingen de E Comp: wal duur te het dar voo ingekomen bedraagen tot rd:s 88:= in Coffo te laaten tetlen Den 14e Maart A„o. 1765. Aan den E: Agtbaaren Heer Hendrik van Staveren Gezaghebber deeser Custe Beneevens De verdere Heeren Leeden in der Agtbaaren Raad van Politie. Agtbaare Heer en Heeren! De ondergeteekende Eerste Adminis =trateur deeser Commercie, heeft in qualitijd als para- „pheerder van 't Zegul Papier bij deesen de Eer Uw: E: Agtbaarens na gewoonte te vertoonen, dat in 't gepasseerde halve boekjaar ofte tseedert Priond sep „tember tot ultimo passate, aan Zeguls verdebiteerd is een somma van Rd:s: 88:—: te weeten. Van Rd=t 10: - - - - 1 p.:r - - - - - - Rd:s 10 —:—. „ „ 5: . . . . 3 „ - - - - - - „ 15 —: —: „ 1: . . . 3 „ - - - - - - - - „ 3—:— „ „ —:2„—: -. . 32: - - - - - - - „ 16—: —: „ „ —: 12—: —: 80: - - - - - - - -. 20 —:—: „ „ —: 6 —: —. 192: - - - - - - - - - „ 24 —: —: Somma Rd: 88—:—: Waarmeede den ondergeteekenden de Eere heeft zig met alle agting te roemen /:onder stond:/ E: Agtbaare Heer en Heeren /:laager:/ uw: E: Agtbaarens onderdaanige dienaar /:was geteekent:/ JP. n A. Thierens /:in margine:/ Padang den 1. en Maart 1765. Eijndelijk, zoo Communiceerde den Heer Gezaghebber nog aan de Leeden, dat zijn E: bij staan komen. —. 't nazien der specificaties, ontwaard hadde dat de on- „kosten van de Huurlingen welke min mits ge„ „brek aan genoegsaame Compagnies slaaven jongst tot de ontlossing van 't Schip Westvriesland hadde moeten emploijeeren, wat hoog te staan quaamen propmeert dhier gesrg„ en off het derhalven niet dienstig waare, dat men „ na Nius t„ senden, om om sulx voor 't vervolg 't evideeren eene Chialoup met eenige gewilde goederen na Nias sond om aldaar een sulx getal slaaven als 'er manqueer= =de, daarteegen te trocqueeren, te meer daar het buijten dien noodsaakelijk was, dat men jemand daar„ =na toe sond, om van de Inwoonders te Simanbouwa es meede tot neevens satisfactie te eijschen, van den aldaar onlangs gepleeg= =den moord, aan den Padangsen Burger Veldhuij„ =sen, als meede om eenige grondige narigt 't'erlan „gen van den Handel, welke de Engelse Nari Zoo wierd na dies lectuure goedgevonden, het daarvoor ingekoomene ten bedraagen van 88 Ret: in S. E. Comp:s Cassa te laaten voldoen zoo e aldaar sluaven te haalen: 56 57. Den 14„e Maart A„o 1765. „helmina hier toe te emploijeeren. coerte en mersz: sullen daar meede vertrokken enz: adjerhadja gesondene goe„ daar wel ontfangen. —. wilhelmina na de aijer„ aldaar drijfft, en die volgens de gerugten wat fre= „quent begon te worden: Na rijpe overweeginge van 't welke, men, om de door zijn E: g'allegueerde reedenen goedvond en besloot, zig met het voorstell van den Heer Gezaghebber te conformeeren, ingevol= de chialoup de Jpnwilge van 't welke verstaan wierd, heertoe t'emploijee„ „zer de Chialoup de Ida Wilhelmina, en tot die Commissio te benoemen, den Equipagie Opsienden Ger„ „rit Coerte, en den zoldij Boekhouder Willem Fredrik Meersz: die ten dien eijnde met eene behoorlijke In structie zullen werden voorsien en gelast bij hun Rethour een nauwkeurig Rapport in scriptis over te leeveren. Aldus gedaan, geresol„ =veert en G'arresteert, In 't Neederlands Comp„ „=toir Te Padang op Sumatras Westcust, Ten Dage, Maand, en Iaare voormeldt /:was geteekent Hendrik van Staveren, Ian Anthonij Thierens Frans Douglas, Ian Calkoen van Limburg, Jan Fre- „drik Willem Nicolai Lid en Secret. s en Iacob Fredriks. Sweedens: Dat de Chialoup de Stemtie, welke p:r de Jia„ Haazewind op den 16„e Maart, met de door den „bangies gesonden zijn Eerstelijk; Dat de door den de mit de lanstpmaruw a Resident Challier van Adjerhadja overge-„deren en Contanten zijn =sondene Last= Prauw op den 15„e Maart wee= „derom na derwaards vertrokken is, met zoodaa =nige Contanten, en benoodigtheeden, als deselve gerequireert hadde, en volgens schrijven van den 4e April aldaar behoorlijk ontfanger zijn. 'T zeedert de jongste bij een komste van den 14e. Maart tot dato deeses geene zaakelijkheeden voorgevallen zijnde, welke eene formeele Besoigne vereijschten, en het verrigte intusschen, meerendeels gevolgen geweest zijnde der voorgaande besluijten:; zoo wierd om die reedenen eenelijk goedgevonden daarvan in deesen de noo. „dige aanteekeninge te houden, en wel Inleijding Dingsdag den 30„e April A:o 1765. Alle Present. Dings Resi„ k

NL-HaNA_1.04.02_3184_0114 view scan ↗

English

The 30th of April, Anno 1765. The 30th of April, Anno 1765. Some goods fulfilled for the Baros requisition by the Goudvink. The aforementioned Moor accepted into service as an ordinary seaman. Departure of the Ida Wilhelmina with the commissioners, etc. to Nias. Filander of Bengal to serve his banishment for his sustenance at the Houtbaai. The Council of Justice sentence reviewed and approved by the Commander. Resident Boudewijnsz's requested goods departed for Ayer Bangies, and returned from there on the 6th of April, bringing news that its cargo was duly delivered, and that everything there was in good order. Thirdly: That the sloop the Goudvink, designated for Baros, departed thither on the 18th of March, and thereby fulfilled all that the said vessel could conveniently take in regarding the requisition of Resident Sieben. Fourthly: That on the 23rd of March, a Moorish sailor who deserted from the English, named Sitebram of Surat, was accepted into the service of the Honorable Company at the customary wages. Fifthly: That on the 25th of March, the sloop the Ida Wilhelmina departed for Nias with the commissioners appointed prior on the 14th and the designated goods, for the purpose broader seen in the said resolution. Seventhly: That the aforementioned sentence was executed on the 6th of April, and it was subsequently approved to send the aforementioned male slave, the youth Filander of Bengal, in pursuance of the aforementioned sentence, to the Houtbaai to serve out the term of his banishment there for his sustenance. The undersigned Commander Hendrik van Staveren, having read and reviewed all the documents pertaining to the completed trial against Govert Veldhoeven of Rotterdam, Krijn Welgers of The Hague, and the youth Filander of Bengal, regarding housebreaking, violent theft committed, and attempted desertion, not only approves the sentence passed against them as it stands, but also qualifies the Council of Justice to proceed with the execution. Beneath stood: Padang on the West Coast of Sumatra, the 6th of April, Anno 1765. Was signed: Hendrik van Staveren. Sixthly: That on the 6th of April the sentence passed on the 4th prior by the Council of Justice against three criminals was reviewed and approved by the Lord Commander, as appears from the act granted below, reading as follows: The 30th of April, Anno 1765. The 30th of April, Anno 1765. Granted to the aforementioned Chinese to go to Batavia with their jonks. Arrival and departure of the aforementioned English ship. The Hazewind departed thither with the remainder of the Baros requisition. The aforementioned incurred expenses approved. Recommendation regarding the servants' requisition to fulfill 500 Rds. of payment instead of 1000. Review of the aforementioned three Chinese letters. Eighthly: That on the 12th of April, by virtue of the license granted by Their Right Excellencies, it was granted to the Chinese Louw-Tjoeanko and Lim-Tjorang upon their request to return to Batavia with their two jonks, without being allowed to come to this coast again. Ninthly: That on the 19th of this month, the private English brigantine named the Jeanna, commanded by Captain Joseph Price, came to anchor in this roadstead from Madras, in order to repair some defects of the said vessel, and having been provided with water and firewood, to resume the journey to Bencoolen, which he is set to undertake tomorrow. Tenthly: That the sloop the Hazewind departed thither on the 23rd of this month with the remaining goods that were still to be fulfilled for the requisition for Baros. These matters having thus been noted, they proceeded to the review of 3 Chinese letters dated the 21st of March, the 7th and the 24th of this month. The first two contained solely some reports, which were accepted for communication, and in the last, the servants having requested among other things 1000 Rds. in new Netherlands payment for the purchase of pepper; it was approved, in consideration of the small stock thereof, to fulfill only an amount of 500 Rds. thereon, with the recommendation to them to adjust their requisitions from Batavia henceforth with the aforementioned so that they can manage with what has been received, as no more than what is needed is requisitioned for this principal station. Further, having been transmitted by them and approval requested for the specification of the incurred expenses for repairs to the Honorable Company's buildings there, amounting to ƒ 2725: 9: 8, and thus turning out ƒ 412: 5 more advantageous than the calculation made thereon indicates, it was on the basis of Their Right Excellencies, etc.

Dutch transcription

58. ƒ 59/. Den 30„e. April A o. 1765. Den 30„e. April A„o. 1765. Eenige goederen op den barossen Eijsch p:r de goud „vink voldaan. Neevens gem: moor voor matt„s in dienst aange„ „noomen. vertrek van de Jeser wil„ „helmina met de Com„ N. as. — Filander van Bengaalen, sijn Bannissement voor de kost in de Houtbaaij te den Raad van Justitie ge„ „saghebber geresumeert en g'approbeert. —. Resident Boudewijnsz. g'eijschte goederen na Aijerbangies vertrokken, en den 6 e April van daar terug gekoomen is, met tijdinge dat der- =selver Laadinge behoorlijk uijtgeleevert, en alles al¬ =daar in een goeden staat was. Derdens; Dat de na Baros ge¬ „projecteerde Chialoup de Geudvink op den 18„e Maart na derwaards vertrokken, en daarmeede op der Eijsch van den Resident Sieben voldaan is, al het geene gemeld Vaarthuijg gevoeglijk konde inneemen. Vierdens: Dat op den 23e Maart teegens de gewoone zoldij, in dienst d. E. Comp. aan- genoomen is, een van de Engelse overgeloopene moorse Matroos in naame Sitebram van Souratta. Vijffdens: Dat op den 25en Maart „missiumnen &„a na na Nias vertrokken is, de Chialoup de Ida Wilhel- =mina, met de in dato den 14„e bevoorens benoemde Commissianten en geprojecteerde Goederen, ten eijnde als bij gemeld besluijt breeder te zien is. Seevendens: Dat de opgemelde den daar bij voorm: Jonge Sententie op den 6„e April g'executeerd, en vervolgens goedgevonden is, den voormelden mans-slaaf„ Filander van Bengaalen, in gevolge van 't opgemelde Vonnis te zenden na de Houtbaaij om aldaar den tijd van zijn Bannissement voorde kost uijt te dienen Den Ondergeteekende Gezaghebber Hendrik van Staveren, geleesen en geresumeert hebbende, alle de stukken behoorende tot het vol- =dongen Proces, Contra Govert Veldhoeven van Rotterdam, Krijn Welgers van 's Hage en de Ionge Filander van Bengaalen, Ter zaake van gedaane Braak, geperpetreerde geweldige diefstal. en g'attenteerde desertie Approbeert niet alleen het teegen haar geslaagene vonnis, zoo als het legt„ maar qualificeert ook den raad van Justitie, omme met de Executie voor te gaan /:onderstond:/ Padang op Sumatras West-Cust d: 6„e April A„o 1765. /:was geteekent:/ Hendrik van Staveren. Sesdens: Dat op den 6. April Neven gem:t omistij door den Heer Gezaghebber geresumeert, en g'ap-slagen door den weer ge„ „probeert is, het op den 4„e bevoorens, door den Raad van Justitie, geslaagene vonnis, teegens drie Misdaaders, gelijk uijt de onderstaande verleende Acte, consteert, luijdende, aldus; Serders Egters 4 ƒ laaten uit te dienen 60/. 61. Den 30e. April Ao. 1765. Den 30„e April A„o 1765. Aan neevens gem: Chi„ Batavia te mogen gaan komst en vertrek van nevens gem: Engels schip De Haase wind met het restant van den ba„ vertrokken. Neevens gem: gedaane onkosten g'approbeert recommandatie op der bediendens hunne Eijsch in Steede van 1000 te voldoen. Resumptie van neevens gem: drie Chincese brief„ Agtens: Dat op den 12e. April om met hun Gjontings n uijt hoofde van Haar Hoog- Edelens verleende Licen= 3 „tie, aan de Chineesen Louw=Tjoeanko, en Lim„ Tjorang op hun versoek g'accordeert is, met hun„ „ne Twee Gontings na Batavia te retourneeren zonder weederom na deese Cust te moogen koomen, Neegendens: Dat op den 19e. deeser van Madras op deese Rheede ten anker gekoomen is, de particuliere Engelse Bregan- „tijn de Jeanna genaamt, gevoerd door Capitain Ioseph Price, ten eijnde om gem: Vaarthuijg van eenige gebreeken te herstellen, en van Waater en Brandhout voorzien zijnde, de Reijze na Bencoelen te vervolgen, die hij op morgen staat aante neemen—. Thiendens Dat de Chialoup de „rossen Eijsch na der waard H Haazewind met de resteerende Goederen die nog op den Eijsch voor Baros moesten voldaan werden, op den 23. e deeser na derwaards vertrokken is. Dit een - en- ander dus genoteert Wijders door deselve overgesonden en approbatie versogt zijnde, op de specificatie van de ge- „daane onkosten van Reparatie aan S. E. Comp: gebouwen aldaar, ten bedraagen van ƒ2725: 9:8: en zulx ƒ 412: 5: voordeeliger uijtkoomende als de daarop gemaakte calculatie aanwijst, zoo wierd op fundament van Haar= enz: zijnde, zoo ging men over ter resumptie van 3. Chinooose briefjes van dato 21 e Maart 7 en 24„e dee- „ ses: „ser, houdende de Twee Eerste eenelijk in zig ee =nige advisen, die voor Communicatie g'accep¬ „teert wierden, en bij den laatsten door de Be= =diendens onder anderen verzogt zijnde om 1000 –. maar 500 rd=s prijement Rd: rieuw Neederlands Paijement tot den Inkoop van Peeper; zoo vond men uijt aanmerkinge van den geringen voorraad daarvan goed; daarop maar te voldoen een bedraagen van 500 Rd: met recommendatie aan deselve, om voorthaar hun met neevensgemelde =ne Eijschen van Batavia zoodaanig in te rigten dat zij met het ontfangene kunnen rond Sctrie¬ „ter, alzoo voor deeze hoofdplaatse niet meer als het benoodigde g'eijscht werd zijnde Hoog k

NL-HaNA_1.04.02_3184_0116 view scan ↗

English

The 30th of April Anno 1765. To write off the same to the account of carpentry and repairs. Chinco to be provided with 2 ordinary European soldiers when the opportunity arises. Introduction. Baros cargo duly delivered. Returns returned from there and authorized to barter some linens unsaleable for gold against pepper. In accordance with the license granted by Their High Mightinesses in the dispatch of the 24th of May 1764, it was approved and agreed to validate the same, and consequently to authorize the servants to write off that amount in their books to the debit of the account of Carpentry and Repairs; while it was further left to the discretion of Their High Mightinesses whether the chief Palm will be required to take the oath demanded in this regard or not. Finally, the aforementioned servants having also made known the weakness of the garrison there, with a request to be reinforced by some heads, and although there was even a shortage thereof here, it was nevertheless approved to provide them with two ordinary European soldiers at the first opportunity. Thus done, resolved, and decreed, at Padang on Sumatra's West Coast, on the day, month, and year aforesaid. Was signed: Hendrik van Staveren, Jan Anthonij Thierens, Frans Douglas, Jan Calooen van Limburg, Jan Fredrik Willem Nicolai, and Jacob Fredriks. Secondly: That on the 21st of May, upon the representations and request made by the servants at Poulo Chinco in a letter of the 18th preceding for cash, it was approved and decided to authorize them to barter against pepper as much of the linens lying unsaleable there for gold, due to the lack of cash, as will be necessary until such time as the demand for cash made by them shall be satisfied. Firstly: That the sloop De Goudvink, having properly unloaded and delivered its cargo at Baros, returned from there on the 4th of May with 85 chests of ordinary and 3 chests of extraordinary white benzoin, which have been duly stored in the Honorable Company's warehouses. Having taken their seats, it was initially approved to record herein the occurrences and transactions from the last meeting, under the date of the end of April, until today, namely: Monday, the 10th of June Anno 1765. All present, except the First Administrator Mr. Jan Anthonij Thierens due to indisposition. Linens. The 10th of June Anno 1765. The Ida Wilhelmina returned from Nias with 11 male slaves. The Administrator produces the report of the Nias commissioners. Thirdly: That the sloop De Ida Wilhelmina returned from Neas on the 26th of May with a total of 11 male slaves for the Honorable Company, which it was agreed to have entered into the books at cost, while the deliberation on the received report of the commissioners remained postponed until today. And the same being now produced by the Administrator, its contents were found to contain the following: Report to the Honorable, Worshipful Hendrik van Staveren, Administrator of Sumatra's West Coast, together with the other Gentlemen Members of the Worshipful Council of Policy. Honorable, Worshipful Sir and Gentlemen! Pursuant to your Honors' esteemed orders contained in your instruction handed to us on the 25th of March last, we set sail on the 26th of that month with the sloop De Ida Wilhelmina, steering a direct course for our destination, the island of Neas. Having then come to anchor off the island of Neas on the 21st of April, we arrived at the roadstead of the settlement of Sama Sama on the 23rd of that month, at which place we found everything in rest and peace, and also the inhabitants very attached to the interests of the Honorable Company, but incapable of delivering even a single male slave. Thus, having found everything in good order there, and at the same time remarking the impossibility of obtaining male slaves, we continued our journey to Migie, Bale, Laraga, and Goenong Ticoeli, whither the second signatory hereof went on the 5th of May with a small native vessel. On the 7th following, the regents of the settlement of Mbigie came on board, reporting that their settlement likewise enjoyed a desired rest and peace, but that they were also afflicted with the same inability as the settlement of Pama Sama, namely, not being able to deliver a single male slave.

Dutch transcription

63/. Den 30e. April A:o: 1765: 't zelve opreekening van Timmeragie en reparee„ Chinco bij gelgentheid met 2 gemeene Europeese mi„ „litairen te voorzien Inleijding lading wel op baros uit retouren van daar te rug gekoomen en z: gequalificeert eenige voor Goud onverkoopbaare Lij„ waaten teegens peeper te trocqueeren: —. Hoog-Edelens verleende Licentie bij Missive van den 24„e Maij 1764. goed gevonden en verstaan, deselve te valideeren, en dienvolgende de Bediendens te qualificeeren, dat bedraagen, bij hunne Boekjes „tie te buaten afschrijven ten Lasten der Reekening van Timmeragie en repara- =tie affteschrijven: Terwijl verders aan 't goedvinden van Haar. Hoog-Edelens overgelaaten wierd, off 't opperhoofd Palm den desweegen gerequireerden Eed zal behoeven te doen off niet. Eijndelijk nog door meergemelde Bediendens te kennen gegeeven zijnde, de swak„ hijd van de Bezettinge aldaar, met versoek om met eenige koppen versterkt te worden, en Schoon men al hier zelfs daaraan gebrek hadde, zoo wierd egter goedgevorden, deselve bij eerste geleegentheijd met Twee gemeene Europeese militairen te voorsien. Aldus Gedaan Geresolveerten Garree: „teert, Tot Padang op Sumacras West-Cust, Ten Daage, Maard en Iaare voormeld /:was geteekent:/ Hendrik van Staveren; Ian Antho„ =nij Thierens. Frans Douglas. Ian Calooen van Limburg. Jan Fredrik. Willem Nicolai en Jacob Fredriks. Tweedens: Dat men den 21„e Maij op de de shinste betinden verthooninge en 't versoek, door de bediendens te Poulo Chinco bij een brief van den 18„e bevoorens, om Contanten gedaan, goedgevonden en beslooten heeft deselve te qua= „lificeeren, van de aldaar voor Goud invendibel leggende Eerstelijk: Dat de Chialoup de Goud en poutink en =vint3 haare Laadinge te Baros behoorlijk uijtgeleen„ geluevert: -. „vert hebbende, op den 4„en Maij van daar te rug gekoomen is met 85 kisten ordinaire en 3 kisten extraordinaire witte en is met neevens gem:e Beneuin, die behoorlijk in s. E. Comp: Pakhuijser op „geslaagen zijn. Zitplaats genoomen zijnde, zoo wierd aanvangelijk goedgevonden, in deesen aante- =teekenen, het voorgevallene en verrigte, tseedert de laatste bij eenkomste, onder dato ultimo April, tot hee= den en wel Maandag Den 10„en Iunij A:o 1765: Alle Present. Dempto Den Eersten Administrateur M„r Jan Anthonij Thierens. door Indispositie. Lijwaaden. 625 k Den 10e. Junij Ao. 1765. de Jota Wilhelmina is met 11 stuk slaaven van nias te rug gekoomen. —. Den Heer gesughebber produceert het berigt der Lijwaaten, mits het gebrek aan Contanten, zoo veel teegens Peeper te trocqueeren, als 'er noodig zal zijn tot tijd en wijle haar lieden gedaanen Eijsch van Con= =tanten zal zijn voldaan. Derdens: Dat de Chialoup de Ida Wil¬ =helmina op den 26„en Maij, met een getall van 11 p:s mans-slaaven voor D. E. Comp:s van Neas terug gekoo„ „men is, welke voor het kostende verstaan wierd bij de Boeken te laaten inneemen, terwijl de Be- „soigne over het ontfangene Rapport der Commis= „sianten tot heeden uijtgesteld bleef. En het zelve als nu door den Heer Niasse Commissianten Gezaghebber geproduceert zijnde, zoo wierd den In „houd daarvan bevonden, het volgende te behelsen, als. Rapport. Aan Den E: Agtb:r Heer. Hendrik van Staveren. Gezaghebber over Sumatras Wt Cust. Beneevens De verdere Heeren Leeden in den Agtbaaren Raad van Politie. Migie, Bale, Laraga, en Goenong Ticoeli, weerwards den Tweede Teekenaar deeses zig op den 5„e Maij met een klijn Inlands Vaarthuijg be. „gaf; koomende op den 7:e daaraan, de Regenten van de Negoreije Mbigie aan boord, die berigten, dat hun Negoreije meede eene gewenschte Rust en vreede genoot; dog dat zij lieden almeede met het onvermoogen van de Negorie Pama Sama behebt waren, naamentlijk geen een Eenige mans. Slaaf te kunnen leeveren Op den 21en April dan, onder 't Eijland van Neas ten anker gekoomen zijnde, quaamen wij op den 23„en dier maand ter Rheede van de Negoreij Sama Sama. op welke plaatse wij alles in Ruwt en Vreede bevonden en ook de Inwoonders zeer g'attacheert aan de Belan„ „gers van D. E. Comp:, dog onvermoogens om een eenige mans- slaaf te leeveren, Dus wij daar alles in goede ordre bevonden hebbende, en teffens remarqueerende de onmoogelijkheijd, om aan mans slaaven te geraaken vervolgden wij onse Rijse, naar In gevolge uw: wel Edel Agtbaarens g'ag„ =te beveele, vervatt bij derselver aan ons inhandigde In- structie van den 25en Maart jongstleeden, hebben wij ons op den 26„en diermaand, met de Chialoup de Ida Wil- „helmina. onder zeijl begeeven, en direct cours gesteld na de plaatse onser destinatie 't Eijland Neas. E„ E„ Agtbaare Heer en Heeren! Den 10 Junij Ao. 1765 Ed 6 64: /. „ k Den

NL-HaNA_1.04.02_3184_0118 view scan ↗

English

The 10th of June Anno 1765. The 10th of June Anno 1765. On the 10th thereafter, the Second Draftsman of this expedition returned from the three last-mentioned settlements with the report that there was not the least shipping or trade there, but that he had seen an English flag flying on the corner of Goenong Limbo, which was guarded by two Malays living there; with the further notification that it had been impossible to reach Goenong Sitoli due to the strong northwesterly winds and the current to the southeast. And since the Draftsmen had been informed by all the Ponghoulous together that if no slaves were to be obtained at Simon Beuwa, all searching would then be in vain, as this place was considered the principal place of the Island of Neas; we therefore bent our course directly thither, where we arrived on the 11th of May. Having arrived there, the Chief Regent of that settlement came on board to us, whom we saluted upon his arrival. This man reported to us that he was unable to deliver any male slaves to us, but that he would not fail to do his utmost duty to procure some for us. Furthermore, we inquired about the murder committed against the Burger Veldhuijser, to which he replied in answer that this murder had not been committed there, nor by the inhabitants of the Island of Neas, but by his own ship's crew and a passenger who had lost his vessel, at Laraga; and after he had enjoyed some refreshments, he departed cheerfully from the ship in the evening. On the 15th of May, the said Sijurda brought 11 male slaves on board, with the notification that they had been obtained with great difficulty, and that a good 14 days would now pass before he would be in a position to deliver a single male slave; but if we were willing to take an entire family together, namely man, wife, and children, he could then provide us with as many as 50 of them. After obtaining these 11 slaves, we inquired further into the conditions of that place, to which the said Chief Regent Sijurda replied to us that this place was currently in complete peace, and that its inhabitants were in every respect attached to the interests of the Dutch Company; but that a certain incident had for some time, so to speak, set some limits to their goodwill toward the same, consisting principally of this: That the Malay Sialam and the Achinese Pomat having some outstanding debts with him, the Chief Regent, he had sailed alongside in a small vessel with six men to settle those outstanding debts with him, as he had heard that the said Sialam wished to depart. Having come alongside Sialam's vessel and having told him that he had come to liquidate with him, Sialam answered that there was no opportunity for it today, and his mind was not set on it right now either, advising him not to come on board; to which the said Chief Regent was said to have answered, not wanting to keep matters dragging on any longer, and how he [illegible]

Dutch transcription

66/. 67/. Den 10„e Iunij Ao 1765. Den 10„e Iunij A„o 1765. Den 10e. daaraan quam den Tweede Teekenaar deeses van de drie laastgemelde Negorien weederom terug met berigt, dat aldaar geen de minste vaarth of negotie was, dog dat hij gezien hadde, dat op de hoek van Goe= „nong Limbo een Engelsche Vlagge woeij; die door Twee daar woonende maleijers bewaart wierde; met verdere notifi„ „catie, dat onmoogelijk op Goenong Sitoli had kunnen koomen, door de sterke Noord Weste Winder en Stroom om de Zuijd=oost, En vermits bij de Teekenaars door de gesaamentlijke Ponghoulous g'informeert waaren: dat bij aldien op Simon Beuwa geene slaaven te krijgen waaren, alsdan al 't zoeken vrugteloos zoude weesen vermits deese plaats voor de Hoofdplaats van 't Eij- „land Neas gehouden werd; zoo boegden wij onse Cours direct derwaarts, alwaar wij op den 11„e Maij arriveerder. Daar gekoomen zijnde quam den Hoofd¬ Regent dier Negoreij bij ons aan boord, welke wij bij zijn aankomst salueeren; Deese man rapporteerde ons, dat hij on- vermoogens was ons eenige mansslaaven uijt te leeveren, dog dat hij niet na zoude laaten sijn uijterste, devoir aan„ tewenden, om ons eenige derselver te bezorgen, voorts informeerden wij ons na de gepleegde moord van den Burger Veldhuijser, waar op hij ons in antwoord diende, dat deese moord niet aldaar, nog door de Inwoonders van 't Eijland Neast. maar door zijn eijgen scheeps-volk, en een Passagier, die zijn vaarthuijg verlooren had, op Laraga ge- pleegd was, en na dat hij eenige refrissemente genooten had vertrok denselven des avonds vergroegd van Boord. Den 15„e Maij bragt gemelde Stjunda- Dat den maleijer Sialam, en den Achiender Pomat eenige uijtstaande schulden met hem Hoofd-regent heb- =bende, hij een klijn Vaarthuijg met ses Coppen, aan zijn boord gevaaren is, om die zijne uijtstaande schulden met hem te vereffenen, wijl hij gehoord had, dat gem: Sialam wilde vertrekken; op„ zeij van Sialam zijn Vaarthuijg gekoomen zijnde, en hem gezegt hebbende gekoomen te zijn, om met hem te liquideeren, zoo antwoorde Sialam dat heeden daartoe geen occasie was, en zijn hoofd daar ook niet terstond, hem raadende niet aen boord te kormen, waarop margem: Hoofd= zegent g'antwoord zoude hebben, kunne zaaken niet langer sleepende te willen houder, en hoe hij hem dier baars Na erlanging van deese 11 p:r slaaven, informeer„ „den wij ons wijders na de omstandigheeden van die plaats, Waarop gemelde Hoofd-regent Sijurda ons repliceerde, dat deese plaats zig thans in eene volkoomene rust bevond, en dat dies Inwoonders zig allesints geattecheert vonden, aan de belan- =gens van de Neederlandsche Compagnie, Dog dat zeeker gevall tseedert eenigen tijd om zoo te spreeken eenige paalen had gesteld aan haare welmeenentheijd omtrend Deselve bestaande hoofdzaakelijk hierin 11 p„s mans-slaaven aan Boord, met notificatie dat deselve met veel moeijte gekreegen, en dat - er nu wel 14. daagen ver =loopen zouden, eer hij in staat zoude weesen, een eeni= „ge mans=slaaf te leeveren; dogh zoo wij eene gehee¬ „le familie te saamen wilden neemen, te weeten Man, Vrouw, en kinderen, dat hij er ons dan wel 50 konde bezorgen. M. ps. konde ƒ

NL-HaNA_1.04.02_3184_0119 view scan ↗

English

The 10th of June Anno 1765. The 10th of June Anno 1765. could address, with the added question of how he had offended him, coming meanwhile closer, alongside his vessel driver, Sialam replied thereto that he should stay away from the side of his vessel, or that he would open fire upon the same. That the aforementioned Stjunda thereupon, inquiring further into the reason for his displeasure, and coming alongside his vessel, fire was opened from the vessel of Sialam, whereupon immediately four people who were in the allegiance of Sejunda were shot dead, consisting of a son, a brother of his, Sijunda, a Ponghoulou, and another free Nias person, while he, Sejunda, on that occasion was also so severely wounded that a musket ball entered through his mouth and exited again at his throat, of which the marks were still to be seen on him, and he, thus wounded, had escaped the misfortune alone, the sixth person (his brother's son) having gone missing without knowing whither he landed, but whom he, Sialam, in all presumption has taken along. The often-mentioned head-regent requested of us that we would inform the Right Honorable Lord Commander of this, subsequently demanding the aforementioned Sialam and the Achinese Pomat, together with the restitution of his brother's son, aforementioned, named Lahunda, if the same should still be alive, with the promise that if this occurred, their people would in all respects conduct themselves as faithful allies of the Dutch Company, and if any servants of the Dutch Company, or any allies provided with proper passes from the same, should be mistreated, to give the required satisfaction; but that in default of this their reasonable demand, they would entirely withdraw from the alliance which he and his subordinates had entered into with the Honorable Company, and would also consider themselves not bound to deliver any slave to the same, but on the contrary entitled to grant to other nations those privileges which the same previously had enjoyed there on the island according to the contract made. Furthermore, on the 16th of May, we received word from some Nias people and a Malay that it would be best for us to depart from there, and to send no more vessels ashore, since there was a plot to seize our sloop, which report and the concurrent statement of the head-regent Scjunda that we would have to wait at least 14 days for slaves before another could be obtained, made us resolve to advance our return journey again on that very night, as we then also did, and thus returned on the 16th of May with eleven slaves. Furthermore, the head-regent said to us that the English had made various attempts to plant their flag there, but that he had always remained refusing, and had sought to conduct himself as a faithful ally, in the hope that the Right Honorable Lord Ruler of this coast would yet at some time receive knowledge of this case and cause justice to be done to him. 68 and 33 ƒ 71/ The 10th of June Anno 1765. The 10th of June Anno 1765. Wherefrom it appears why they could not obtain the required number of male slaves. Simonbouwa lodged complaints with them about the Ponghoul Sialam. Their proceedings were approved. Head ponghoulou to investigate closely. Minds of the Tigablas Cottas toward him now remarkably softened. The Lord Commander communicates that Radjen Troesang had settled his debts to the factory Chinco. To answer for it. We hope herewith in our commission to have satisfied the intention of Your Right Honors, and have the honor to call ourselves with deep respect and all high esteem (below stood) Honorable Right Worthy Lord and Lords! (lower) Your Right Honors' humble and very obedient servants (was signed) Gerrit Coerte and Willem Frederik Mersz (in the margin) Padang, the 5th of June 1765. Wherefrom then, on the one hand, appeared the reasons why the commissioners could not obtain the required number of 30 male slaves, and on the other hand the complaints which the Head-Ponghoul of Simon Bouwa, named Sijunda, made regarding the Ponghoul Sialam and associates who is here, together with his demand in that regard; upon which matters it was first resolved, in respect of the Nias commissioners, to approve their proceedings at the said island for such reasons as are given in their report, while it was furthermore found proper to investigate accurately the complaints of the Head-Ponghoul of Simonbouwa, and consequently to deliver an extract from the said report to the Ponghoul Sialam, with orders to answer properly for himself concerning the points contained therein to his charge, in order, after examination of the matter, to do justice as far as is reconcilable to the said Head-Ponghoul, to remove all reasons for complaint, and doing thus, to bind him again as before to the interest of the Honorable Company. This matter having ended thus far, the Lord Commander communicated to the Council how His Honor, following the resolution of the 23rd of January concerning the Raja of Troesang, who is here in civil arrest, had finally brought it so far with the same that his debt to the factory of Poulo Chinco was now fully discharged, so that regarding that Raja nothing further remained than the settlement of his dispute with the chiefs of the Tiga blas Cottas, whose minds, initially very embittered, were now remarkably softened concerning the said Raja, and indeed so much so that His Honor on good grounds

Dutch transcription

Den 10e. Junij Ao. 1765. Den 10„e Iunij A„o 1763. konde aanspreeken, met bijvoegende vraag; met wat hij hem beleedigt hadt, koomende ondertusschen naader, tot op zeijde van zijn vaarthuijg drijver, repliceerde Sialam daarop dat hij van zeijde van zijn Vaarthuijg zoude blijven, off dat hij op 't selve Vuur zoude geever. Dat gemelde Stjunda daarop al verder naa de reeden van zijn musgnoegen vraagende, en op zeijde van zijn Vaarthuijg koomende, uijt het vaarthuijg van Sialam Vuur gegeeven is, waar op terstond Vier van in de Trouw van Sejun- =da zijnde volkeren dood geschooten zijn, bestaande in een zoon, een broeder van hem Sijunda, een Ponghoulou, en nog een vrije Niasser, werdende hij Sejunda: bij die gelegentheijd ook zoodaanig gequetst, dat een snaphaan Kogel door zijn mond, en bij zijn keel weederom uijtquam, waarvan de Tee¬ =kens bij hem nog te zien waaren, en hij dus gequetst, det on- „gevall alleenig ontkoomen was, zijnde de sesde persoon /:zijn Broeders zoon :/ absent geraakt, sonder te weeten werwaards peland is, dog welke hij Sialam na alle presumptie meede genoomen heeft. Dik gemelde Hoofd- regens versogt aan ons, dat wij den wel= Edel. Agtbaare Heer Gezaghebber hiervan kennisse wilden geeven, ver- „volgens meergemelde Sialam en der Atchiender Pomat op te eijschen beneevens de restitutie van zijn Broeders zoon meermeld in naame Lahunda, zoo deselve nog in leever mogte weesen, met be„ =hofte zoo zulx geschiede, zij lieder zig allesinnts als getrou= we bondgenooten, van de neederlandsche Compagnie zouden gedraagen, en zoo eenige dienaars van de Neederlandsche Com„ „pagnie, dan wel eenige met behoorlijke passen, van deselve voorsien zijnde Bondgenooten mishandelt mogten werden Vervolgens kreegen wij op den 16e Maij van eenige Niassert en een maleijer berigt, dat het voor ons bevt zoudte weesen van daar te vertrekken, en geen Vaarthuijgen meer aan Wall te senden, overmits 'er een aanslag was, om onse Ckia- =loup te beslaan, welk rapport en 't meede zeggen van hem Hoofd= „regent Scjunda dat wij nog wel 14 Daage na slaaven zouden moe =ten wagten, eer een weeder konde bekoomen, ons deed resolveeren onse terug- reijse op dien eijgenste nagt weederom te vervor- =deren gelijk wij dan ook gedaan hebben, en dus op den 16=e Maij met elf slaaven weederom terug gekoomen zijn Voorts zoo zeijde hij Hoofd-regent aan ons, dat de Engelsche diverse Tentamers gedaan hadden om hunne vlagge aldaar te planten, dog dat hij altoos weijgerende was gebleeven, en zig als een Trouw-Bond genoot hadde soeken te gedraagen, in die hoope, dat den Wel- Edel. Agtbaare Heer Gebieder deeser Juste nog wel te eeniger tijd Kondschap van dit geval zoude krijgen en hem doen regt weedervaaren. de vereijschte voldoening te zullen geeven, dog dat bij ge- „brek van deese hunne billigmaatige Eijsch, zij zig ten eenenmaale zouden verwijderen van 't verbond, 't welke hij en zijne onderhebbende hadde aangegaan, met D: E: Comp: en zig ook ongehouden zoude vinden, om geen ee „nig Slaaf aan deselve te leeveren, maar in tee =gendeel geregtiget om aan andere Natien die vorregte te vergunnen welke deselve bevoorens aldaar ten Eijlande volgens gemaakt contract hadden genooten. 68 en 33 ƒ 71/ Den 10e Junij Ao. 1713. Den 10 Junij Ao. 1765. Wiir uit blijkt waarom zij het gerequireerde getal van kunnen bemagtigen. Sitnonbouwa bij hun over „ren klagtig gevallen hunne verrigtigt werd g'approbeerd hoofd ponghoulou nauw „kien.. gemoederen dertigablas Cot„ „ras teegens hem nu mer„ Den Heer Gedaghebber communiceert dat Radjen Troesang zijn schulden de aen 't Comptoir Chinco vol„ daan had. —. le eceten verantwoorden. Wij verhoopen hiermeede in onse Commissie aan de Intentie van Uw: Wel. Edel Agtbaarens voldaan =te hebben, en hebben de Eere ons met diep ontsag en alle Hoog-agting te noemen /:onder stond:/ E:d E: Agtbaare Heer en Heeren! /:laager:/ uw: wel- Edel. Agtbaarens ootmoe= =dige en zeer gehoorsaame dienaaren /:was geteekent:/ Gerrit Coerte en W=m f„r Mersz: /:in margine:/ Padang - den 5en Junij 1765. Waaruijt dan eensdeels consteerden 3 tuis senvin mit huben de reedenen, waarom de Commissianten het gere¬ „quireerde getal van 30 stux mans- slaaven niet hebben kunnen magtig worden, en anderen deels En dat den hoofd egens tet de Klagten welke den Hoofd-Ponghoul van Simon den ponghout Sialam waa Bouwa in naame Sijunda, over den alhier zijn „de Ponghoul Sialam. C. S. gedaan heeft benee „vens zijnen Eijsch dien aangaande, op welk een en: ander, men eerstelijk ten aansien der Niasse Com „missianten besloot, hunne verrigtingen ten gemel= den Eijlande te approbeeren, om zoodaanige ree= „denen, als bij hun lieder rapport gegeeven zijn, de klagten van eeven gem: Tterwijl men wijders goed vond de klagten aan der „kurig te doen onderzoe Hoofd- Ponghoul van Simon bouwa nauwkeurig te ondersoeken, en dienvolgende een Extract uijt Deese zaake tot dus verre affgeloopen zijnde, zoo communiceerde den Heer Gezaghebber aan den Raad, hoe zijn E. volgende het be„ „sluigt van den 23. en Ianuarij omtrend den al- hier in Civiel arrest zijnder Radja van Troe= =sang. het eijndelijk met denselven zoo verre ge- =bragt hadde dat desselfs schuld aan 't Comp. „toir Poulo Chrinco als nu ten vollen affgedaan was, invoegen dat omtrent dien Radja ver „ders niets overbleef als de vereffening van zijn ver en deas de verdebiterde schil met de Hoofden der Tiga blas Cottas wel r sijl n e s aen „=kers in 't eerste zeer verbitterde gemoederen thans omtrent gem: Radja, merkelijk versagt geworden waaren; en wel zoodaanig, dat zijn E.:s zig op goe„ het gemelde Rapport aan den Ponghoul Sialam en sialam zig daar op 't te laaten affgeeven, met Last om zig over de poincten en z: ten zijnen lasten daarinne vervatt, behoorlijk te ver „antwoorden, ten eijnde om na onderrigter zaake aan gem: Hoofd- Ponghoul, zoo veel zoenelijk is Regt te doen, alle reedenen van Klagten te heree =men en hem dus doende, weederom als bevoorens aan 't belang van d E. Comp„ te verbinden het het den 70.

NL-HaNA_1.04.02_3184_0121 view scan ↗

English

The 10th of June Anno 1765. he is released under special civil arrest. The proceedings of the Baros resident held to be well done. The Ponghoulou Maharadja Moedo there requests to be discharged on account of advanced age, and Mage Sallal is proposed in his place. The aforesaid persons' request is granted under conditions according to the regulations. Engagement of four Niassers qualified to be placed on Tapis, and another Corporal sent thither in place of the deceased Schoumburg. promised grounds that he would be able to settle those disputes amicably with them, and for that reason had also raised no objection to permitting the said Radja, under special bail from the Landraad and the Radja's Panglima and next-of-kin, to await the outcome of his case here outside of arrest. The Council, having deliberated upon this and having concurred with His Honour, it was approved and understood to further employ all possible means in order to carry out that matter according to His Honour's proposal, in order to then be able to make further arrangements regarding the government of Troesang. After which the Governor presented for reading an incoming letter from Baros dated the 16th of April, wherein the Resident gave an account of his proceedings up to that time; and there being nothing to object to it, it was agreed to consider them well done. Furthermore, on the Resident's request, because of a shortage of men, to be allowed to enlist four Niassers into service to place them with the Bugis sergeant at Tapis, it was approved to grant him the necessary authorization for this, and furthermore to send another Corporal thither in place of the deceased Corporal Schoumburg. Finally, it also being made known by the said Resident that the Ponghoulou Maharadja Moedo, on account of his advanced years, requested his discharge from that office, and that the Radja and his associates had nominated the person of Mage Tallal in his place, with the request that he be approved as such; it was approved in that regard to consent thereto, provided that the Radja and his associates make this request by separate letter sent directly from here, since the appointment of Ponghoulous at Baros is a right belonging to the Radja. Furthermore, the request of the Junior Assistant Levin August Eijkhoff and the Under-Surgeon Siewert Hen being presented in the said letter, to be engaged under a new contract and an increase in salary due to the expiration of their time, it was resolved to grant their request and, to that end, to increase their wages according to the regulations. The 10th of June Anno 1765. Corporal Lucas promoted to sergeant. Mister Wm. Hendel taken into service as youth at the pen at 5 florins per month. Aforesaid English defector taken into service as sailor at 9 florins per month. Furthermore, it being made known to the Members by the Governor that through the departure of the two sergeants recently relieved to Batavia, one such position had become vacant, which His Honour, upon the recommendation of the Head of the Militia, had provisionally filled with Corporal Fredrik Lucas, who, having since given complete satisfaction therein, now requested to be confirmed as such; and as there was nothing to object to his conduct, it was agreed to promote him to sergeant with a salary of 20 florins per month under a new five-year contract commencing today. Hereafter, a request having been made by the Orphan Masters to take into the service of the Honourable Company the poor son under their guardianship of the former Gunner Michiel Hendel, named Michiel Willem Hendel from Padang, aged about 12 years; and the said youth already writing well and having a good hand, it was agreed to take him into service as a youth at 5 florins per month, in order to render service with the pen. Finally, a European sailor having come over from the English, named Pieter Jansz from Amsterdam, with the request to be accepted into service here as such, it was deemed good to grant his request, and to allocate to him the wage of 9 florins per month under the usual contract. Thus done, resolved, and decided in the Dutch Office at Padang on Sumatra's West Coast, on the day, month, and year aforesaid. It was signed: Hendrik van Staveren, Jan Anthonij Thierns, Frans Douglas, Jan Calcoen van Limburg, and Jan Fredrik Willem Nicolai, Member and Secretary.

Dutch transcription

73. Den 10 Junij Ao. 1765. Den 10„e Junij A o 1765. denselven werd onder speci„ Civiel arrest ontslagen. De verrigtinge van den Baros resident Den Pongkerh: aldaar Maharadja Moedo versoekt. om mits hooge ouderstoim ontslagen te moogen werden. en Mage sallal wordin Neevensgem: persoo. regliment te verbeekeren. steede van den overleedenen derarselven tot het in duint „sers gequalificeert. :den grond belofde; die verschillen in der min- =ne met deselve te zullen kunnen affmaaken en ook om die reeden geen swaarigheijd ge¬ =maakt hadde gemelden Radja, onder spe„ panglina o: s: uijt sijn raale borgtogt van den Land=raad, en des Radjas naast bestaande te permitteeren, buijten arrest al¬ „hier afftewagter, het uijteijnde van zijne zaake. Den Raad hierover gedilibereerd, en zig hierinne met zijn E„ geconfirmeert hebbende, zoo wierd goed ge- vonden en verstaan verders alle moogelijke mid¬ „delen in 't werk te stellen ten eijnde om die zaake na zijn E: Voorstell ter uijtvoer te brengen om als dan ten opsigte der Regeering van Troesang naader te kunnen disponeeren Na 't welke den Heer Gezaghebber ter voor wel gedaan gehouden lectuure overgaff een ontfangene brief van Ba= =ros gedateerd den 16 e April, waarbij den Resident verslag deed van zijne verrigtingen tot daaren toe en daarop niets te zeggen geweest zijnde, zoo wierd verstaan deselve voor welgedaan te houden. Fer. =wijl verders op des Residents versoek, om mits ge= Eijndelijk door gemelden Resident nog te kennen gegeeven zijnde, dat der Ponghoul Mana„ „radja Merdo om zijne hooge Iaaren versogte om zijn ontslag uijt det Ampt; en dat den Radja E. S. in dies plaatse voorgedraagen hadde, de Persoon van Mage Tallal, met versoek, om als zoodaanig g'appro: zijn plaat vorgedrangen beert te worden; zoo wierd dien aangaande goedgevorden Wijders bij gemelden brief voorgedraagen zijnde het versoek van den Iong Advistent Levin Au¬ „qust Eijkhoff, en den Onder-Chirurgijn Siewert ner aldaar naa 't Hen, om mits tijds expiratie onder een nieuw verband en Gagie verhoogt te werden; zoo wierd hier op verstaan in hunlieder versoek te bewilligen, en deselve ten dien eijnde, navolgens het Reglement in Gagie te verbeeteren. „brek, aan Volk vier Neassers in dienst te moogen neemen van vier Near neemen, om denselven bij den Moegineesen zergeart op Tapis te plaatsen, goedgevonden wierd hem hier. „toe, de noodige qualificatie te verleenen, en voorts een ander Corporaal in in plaats van den overleedenen Corporaal Schoum schoumburg denwarateesen =burg een ander na derwaards te zenden brek daarinne 72/. - ƒ =den. 757 Den 10„e Junij A:o 1765. Den 10„e Iunij A:o 1765. hun vrzoek onder neevens aarde mits g'accordeert. horporaal Lucas tot sergeant g'advanceert. M„r. Wm. Hendel voor Jonge aan de zer met ƒ5: p: ond in diens aangenooen. Neeversgem: Engelse over =looper voor matroos met 19 –. p=s m=d in dienst aan daarinne te condescendeeren; mits dat den Radja C. S. zulx bij aparte brief direct van hier koomen te versoeken, dewijl de aanstellinge van Ponghoulous op Baros, een Regt is den Radja Competeerende - Voorts door den Heer Gezaghebber nog aan de Leeden te kennen gegeeven zynde, dat door 't vertrek der jongst na Batavia verloste Twee Zergean- „ten, een dito plaats vacant geworden was, dier zijn E: op de voordragt van 't Hoofd der Militie provisioneel vervullt hadde met den Corperaal. Fredrik Lucas dewelke tseedert daarinne alle genoegen gegeeven hebbende thans versogte als zoodaanig bevestigt te moogen worden, en alzoo op dies conduites niet te zeggen was, zoo wierd verstaan denselven te advanceeren tot zergeant met de Gagie van ƒ 20 p. m:d onder een nieuw verband van vijff Iaaren heeden ingaande. Hierna door Heeren Weesmeesteren versoek gedaan zijnde om den onder Haar Eerw: Voogdij staanden Armen zoon, van den geweesen Constapel Aldus gedaan Geresolveert en G'arresteert in 't Neederlands Commptoi, Te Pa= „dang op Sumatras Wes1. Cust, Ten daage, maand en Iaare voormeldt. /:was geteekent:/ Hendrik van Staveren; Jan Anthonij Thierns Frans Douglas Jan Calcoen van Limburg en Jan Fredrik Willem Nicolai, Lid. en Secret„s. Michiel Hendel, in naame Michiel Willem Hendel van Padang oud circa 12 Iaaren, in dienst der E. Comp: aan te neemen; en Gem: Iongeling reeds wel, en eene goede Hand schrijvende, zoo wierd verstaan, derselven als Ionge met ƒ55: p. r maand. in dienst te neemen, ten eijnde om bij de Penne diens te Presteeren. Eijndelijk nog van de Engelsen overgekoomen zijnde, een Europeese Mattroos in naame Pieter Iansz: van Amsterdam met ver:genoomen. =soek om alsdaanig alhier in dienst te moogen werden aangenoomen, zoo vond men goed des selfs versoek 't' accordeeren, en denselven toeteleg„ =ger de Gagie van ƒ 9. p. s maand onder 't gewoone Verband. Michiel Donderdag 741. k

NL-HaNA_1.04.02_3184_0123 view scan ↗

English

761. Thursday the 4th of July, in the Year 1765. The 4th of July, in the Year 1765. Introduction. The Chinco chief Palm. The Assistant van den Berg increased in salary to ƒ24 per month. Arrival and departure of the English brigantine mentioned alongside at this roadstead. Item of another bark mentioned alongside. Return of the sloop De Haasewind from the north with the products mentioned alongside. Resumption of a Baros letter. All present. Together with the Junior Merchant and Chinco Chief Roeland Palm. The members being seated: It was initially deemed appropriate to record here what had been settled and accomplished since the last meeting of the 10th of June up to the date hereof, namely: First: That on the 15th ultimo was received and examined a letter from Poulo Chinco, whereby the chief Palm requested to be allowed to come over here for some time to attend to some outstanding business, and that it was resolved thereupon to grant him this, and he had already arrived here on the 25th following. Secondly: That on the 16th ultimo, on account of expiration of time according to the Regulations, the young Assistant Johannis van den Berg was promoted to full Assistant with a salary increase to ƒ24 per month. Thirdly: That on the 17th ultimo the English brigantine The Leopard, commanded by Captain John Panton, coming from Bengal, arrived at this roadstead to anchor, and that, having provided himself with water and firewood, he resumed his voyage again to Bencoolen on the 20th following. Fourthly: That likewise on the 28th ultimo the English Company bark The Adventure, commanded by Captain Mek-Braad, arrived at this roadstead from Bencoolen, and that, having also provided himself with water and firewood, he continued his voyage to Natal the next day. And Fifthly: That on the 21st ultimo the sloop De Haazewind returned from Baros via Ayer Bangis, and that by that vessel from the first-named place were duly received 14 chests of Benzoin, and from the last-mentioned place 6 bars of Gold. This having been thus noted, a letter received from the Resident Sieben at Baros was examined, wherein he initially gave notice: That the well-known Achinese Pomara had again caused disturbances about 1½ hours above Baros, and had already carried off 11 Bataks, with a request to be provided with the necessary means to counter this; whereupon it was decided to write to the Resident ordering him only to keep a watchful eye on the aforementioned restless Achinese until such time as he shall have been provided with the requested means. The Soldier J: P: Muts having been proposed by the Resident in the just-cited missive, to the end that, since he had performed duty as Corporal for a considerable time, he might enjoy the board allowance attached thereto; it was resolved in that regard to grant the aforementioned Muts the Corporal's board allowance until such time as this post shall have been filled again. By and alongside this letter, a requisition having been received, wherein the Resident requested half a leaguer of Vinegar and 100 stone of Surat Soap, it was decided in that regard to authorize him to purchase the former locally, and to send him the latter at the first opportunity. The affairs of the Baros post having thus been dealt with, a letter from Ayer Bangis dated the 20th ultimo was subsequently examined; wherein the Resident Boudewijnsz—after having previously given notification of the dispatch of the aforementioned six bars of Gold—further sends a list of the balances actually found in existence at his post. The further content of his letter containing nothing other than notification that the Moorish sailor Naama had drowned there, and a request for the Qualification Roll for the half-yearly distribution to be made to the garrison there; it was agreed to forward the latter to him at the first opportunity as well, and furthermore to have the drowned man's salary written off as of the 16th of April last.

Dutch transcription

761. Donderdag Den 4„e Iulij A: o 1765. Den 4 Julij A„o 1765. Inleijding. Htet Chincos opperhoofd Paem Den Adsistent van den Berg tot ƒ24. p:s maard in Gogie ver„ hoogd komst en vertrek van neevens gem. Engelse brigantijn hier ter Rheeder bij zeijde gem: barcq. Item van nog een hier Retour van de Chialoup de Haasewind van de roord Resumptie van een Baros briefje. De Laden gezieten zijnde: zoo wierd aanvangelijk goed gevonden in deesen aan te teekenen, het geene tzeedert de laaste bij eenkomst van den 10„e Iunij tot dato deeses affgedaan en verrigt was, En wel. Eerstelijk: Dat op den 15„en passato ons„ is op den 15 pansats hiergekoomen fangen en Geresumeert is; een briefje van Poulou Chinco; waarbij het opperhoofd Palen versoek deeds om voor eenige tijdt ter verrigting van sommige uijt. „staande affaires herwaards te moogen overkoomen en dat daarop goedgevonden is, hem zulx t' accordeeren en hij bereeds op den 25„en daaraan alhier g'arriveert was. Tweedens: Dat op den 16 Passato mits tijds expiratie na het Reglement tot absolut Advistend met de Gagie van ƒ242: p. maand verhoogt is den Iong Advistent Johannis van den Berg. — Derdens: Dat op den 17„e passato hier ter schee„ „de ten Anker gekoomen is, de Engelsche Bri„ Dit aldus genoteerd zijnde, zoo resumeerde men Een ontfangen briefje van den Resident Sieben te Baros, waarbij denselven Vijffdens: Dat op den 21en. Pas. van Baros over Aijerbangies te rug gekoomen met neevens gem: Producten was de Chialoup de Haazewind, en dat p:r dat Kieltje van eerstgenoemde plaats behoorlijk ontfangen was At kisten Benzicin, Jtem van laastge= „melde plaats 6 Staaven Goud Vierdens; Dat insgelijks op den 28e pass„o van Bancahoelou alhier ter Rheede g'arriveert was, de Engelsche Comp: Barcq D' Adwenter, gevoert: bij Capitain Mek-Braad, en dat denselven na sig meede van Water en Brandhout voorsien te hebben zijne Rijse Sanderndaags na Natter vervolgt hadde. En gantijn De Leopart gevoert door Capitain John Panton, koomende van Bengaalen, en dat den „selven, na zig van Water en Brandhout voorsien te hebben, zijne Rijse op den 20„en daaraan weederom na Bencahoulou vervolgt hadde. Alle Present. Beneevens den Onderkoopman en Chincos Opperhoofd Roeland Palm. „ gantijn aanvargelijk - Den A„o Julij A:o 1765. Den 4e. Julij A:o. 1765. een waakonb oog op neevens gem: laaten houden Den zoldaat Muts voor een ijde Coporaals kortgeld tegelees. Den Resident tot den In„ „koop van ½ Legger Asijn. gequalificeert. Resumptie van een aijerbangis briefje en de Gagie van neevensgem„ mat„s aftelaaten schrijven. de te doene halfjaarige de g'eijschte 800 stee. nen zeep hem toete senden. aanvangelijk te kennen gaff; Dat den bekennder Al¬ Chiender Pomara weederom omtrent 1½ uur boven Baros onlusten verwekt, en bereeds 11 Batassers weg „genoomen hadde, met versoek ter weering dien„ „aangaande met de noodige middelen voorsien te moogen werden, waarop men goedvond, hem eenelijk den Resident aante beveelen anteschrijven om op even geciteerde onvustige Atchienders onrustige leschienden te maar een waakend oog te laaten houden, tot 'er tijdt toe men hem de versogte middlelen aan de hand zal hebben gegeeven. Door hem Resident bij eeven geciteer„ de Missive voorgedraagen zijnde; den zoldaat J: P: Muts„ ten eijnde denselven mits eene geruijme tijd den dienst als Corporaal had waargenoomen, het daar =toe staande Costgeld mogt genieten, zoo wierd dienaangaande goedgevonden evergemelde Meets, 't Corperaals kostgeld toeteleggen tot er tijd toe, dat men deese plaats weederom vervult zal hebben. Bij en neevens dit briefje overgekoome „ne Eijschje, door den Resident versogt zijnde, om een hal„ =ve Legger Azijn, en 100 Steene Zourattse Zeep„ De zaaken van het Comptoir Baros dus verhandeld zijnde, zoo resumeerde men vervolgens een briefje van de Aijerbangies, gedatteert, den 20. en passa„ „to; Waarbij den Resident Boudewijnsz. /:na dat al. voorens notificatie gedaan had, van de oversending der hiervoorwaards vermelde ses staaven Goudt:/ wijders oversend, een Lijst der ten zijner Commptoire zig in waare weesen bevonden hebbende Restanten Den verdern inhoud van zijnen brief niets anders inhoudende dan Notificatie, dat De qualificatie rolle tot den Moors. matroos Naama aldaar verdronken verstrekking over te schillen was, en versoek om de Qualificatie Roll, tot de te doene halfjaarige Verstrekking aan de bezettelingen aldaar, zoo wierd verstaan hem het laatste bij eerste gelegentheijd almeede te laaten toekoomen, en voorts de gagie van den Verdronkeling op den 16„e April Jongstleeden te laaten affschrijven. zoo wierd ten dien op sigte goedgevonden, hem tot den Inkoop aldaar van 't Eerste te Qualificeeren, en het laat „ste hem bij eerste gelegentheijd te doen geworden. onder, 78/ . k

NL-HaNA_1.04.02_3184_0125 view scan ↗

English

80. The 4th of July in the year 1765. The 4th of July in the year 1765. To fulfill the requisition of the Resident as far as possible, some linens having been found damaged there. under the aforementioned date, together with a new requisition of necessities, with a request for the fulfillment thereof; it was resolved in that regard to accept the former for communication and to fulfill the latter at the first opportunity as far as possible. Along with this letter was also sent a sworn declaration by specially appointed commissioners of the following content: Today, the 16th of June 1765, appeared before me, Philip Plans, Corporal in the service of the Honorable Company and as such assigned to the Office of Aijerbangies, duly qualified for the drawing up of this and all other instruments by the Honorable Hendrik van Staveren, Commander of Sumatra's West Coast, and the Council at Padang, in the presence of the witnesses to be named hereafter, Fokke Jansz: Adels, Assistant Surgeon, and Laurens Hapier, Gunner in the service aforesaid and also assigned here. Who, in the favor of truth and at the requisition of the Junior Merchant and Resident of this Office, van Boudewijnsz:, declared it to be true and truthful: That the first appearer is daily present when the requisitioner goes into the linen warehouse to negotiate with the mountain dwellers, and therefore opens most of the packs of linens himself; moreover, having opened among others a pack of fine bleached percale, it was noticed that the same, from bottom to top, was not only stained and damaged, but at one corner was mostly infested with small moth holes. That the second appearer was thereupon called by the requisitioner to be an eyewitness thereto, and having seen and attended this, the appearers testify that all this aforesaid contains not only the pure truth, but the second appearer also separately declares that he has likewise seen and attended that most packs of linens brought by the Goudvink from Batavia were well and properly conditioned on the outside, but upon opening were more or less stained and infested, and further that the requisitioner ordered the first appearer to take one piece from the aforementioned damaged pack of fine bleached percale, to send the same with this declaration to the Honorable Gentlemen. The appearers hereby ended their given declaration, with the raising of the two front fingers of their right hand, and the uttering of these words: so truly help me God Almighty. Thus done and passed at the Office of Aijerbangies, day, month, and year aforesaid, in the presence of Hermanus Maijer and Jacob Gentenaar, both soldiers, requested hereto as witnesses. The minute hereof is duly signed. Underneath stood: Quod attestor. Was signed: Philip Plants. 83/. The 4th of July in the year 1765. The 4th of July in the year 1765. The Resident was authorized to sell the same at the current price, under the adjacent condition. Together with the aforementioned soldier and gunner increased in wages. And beside the cited Ponghoulou Sialam. Recruiting from there to [illegible] Iron and copperwork repaired. Along with the aforementioned qualification roll to be sent thither. Adjarhadja letter. And whereas it appeared therefrom that a certain pack of fine percale No. 320 was found so damaged that it was impossible to sell it for the ordinary percentage, and the request of the Resident, to be permitted on that ground to dispose of these cloths for the current price, having been taken into consideration; it was approved to condescend to this request, provided care is taken that the same does not fetch less than 30 percent advance. Furthermore, it was approved to increase the wages of the soldier assigned there, Sebastiaan Thoon, and the gunner Laurens Harssier, both due to the expiration of their term, according to the regulations, the first to 11 florins and the latter to 9 florins per month, under a new engagement of three years. And further to send the qualification roll for the half-yearly disbursement to be made to the garrison there at the first opportunity thither. Furthermore, in a received letter of the Adjarhadjas Resident Challier dated the first of this month having been seen, his request for the qualification roll for the half-yearly disbursement to be made; it was approved to have the same sent to him at the first opportunity. Hereafter the Lord Commander produced the defense of the Ponghoulou Sialam against the complaints brought against him in the name of Sijunda by the Head Ponghoulou of Simonbouwa, inserted by resolution of the 10th ultimo, the said defense being of the following content. Furthermore, upon the instance of the soldier Machiels, to serve as answer that this request of his will be granted upon the expiration of recruitment. Further, to send back again some iron and copper works sent over by him, after complete repair has been done. Resumption of the adjacent. Resumption of a letter. Qualification roll to be sent thither. 157 Plan. 82/.

Dutch transcription

80. Den 4„e Julij A:o 1765. Den 4. e. Julij Ao. 1765. den Eijsch van den Resi= „dens na mogelijkheijd te voldoen Eenige Lijwaatenr aldaar beschaadigt bevonden zijnde. onder opgem: datum, beneevens eener nieuwen Eijsch van benoodigsheeden, met versoek om dies voldoe- =ning; werdende ten dien reguaard beslooten, het Eerste voor Communicatie aanteneemen en het laas- „te bij eerste Gelegentheijd na mogelijkheijd te voldoen Beneevens deesen brieff meede over- =gesonden zijnde, eene door Expresse gecommitteerdens b'eedig „te Verklaring van volgenden Inhoud Heeden den 16„e„ Junij 1765. Compareerde voor mij Philip Plans, Corporaal in Dienst der E: Comp. e en zoodaanig ter Coimptoire Aijerbangies bescheijden, tot het maaken deeses en alle andere Instrumenten behoorlijk gequalificeert, door den E: Agtbaaren Heer Hendrik van Staveren Gezaghebber over Sumatras West Cust en den Raad te Padang, present de naatenoemene Ge= „tuijger, Fokke Iansz: Adels. Onder-Chirurgijn en Laurens Hapier Bosschieter in dienst voorz: en meede alhier bescheijden. Dewelken ten faveure der waarheijd en ter requisitie van den Ondercoopman en Resident deeses Comptoirs van Boudewijnsz: verklaarden waar ende waaragtig te zijn. Dat den Eersten Comparant dagelijx present zijnde, als den Requirant in 't Lijwaat Pakhuijs gaat om met der Bergman te negotieeren, en oversulx de meeste Eijndigende zij Comparanten hiermeede hunne gegeevene Verklaring, met het opsteeken der Twee voorste Vingeren hunnes regter-hands. en 't uijten deeser woorden zoo waarlijk helpe mij God almagtig. Aldus gedaan en gepasseert ten Comptoire Aijer bangies, Dag; Maand en Jaare voorsz: ter presentie van Hermanus Maijer en Jacob Gentenaar, bijde Zoldaaten als getuijgen hier „ter versogt. De minute deeses is behoorlijk geteekent /: onder stond:/ Quod attestor /:was geteekent:/ Philip Plants. Pakker Lijwaaten zelfs oopend; mitsgaders onder andere Een Pak Parcallen ff: gebl: g'oopend hebbende, ontwaarde mer, dat het zelve van onder tot booven, niet alleen ge„ „vlaakt en beschadigt, maar aan de eene hoek meest met klijne motgaatjes aangestooken was. Dat den Tweede Com- =parant daarop van den Requirant geroepen wierd, om daarvan ooggetuijgen te zijn, en zulx gezien en bijgewoord hebbende, zoo betuijgen de Comparanten dit een en ander voorschreevene niet alleen, de suijvere waarheijd te be„ „helser, maar ook verklaart den Tweede Comparant nog apart, dat hij almeede gezien en bijgewoord heeft, dat de meeste Pakker Lijwaaten p. r de Goudvink van Batavia aange. „bragt, van buijten wel en gaff gecondioneert, maar bij oopening min off meer gevlaakt en aangestooken zijn ge- „weest, en wijders dat den Requirant den Eersten Comparant g'ordonneert heeft, om uijt het voorschreeven beschadigde. Pak Parcallen ff: gebl: Een stuk te neemen, om 't selve met deese Verklaaring aan Welgemelde Haar E: Agtbaarens over te schikken Pakken ƒ 83/. Den 4„e Julij A„o 1765. Den 4„e Iulij A„o 1765: werd den Resident ge„ qualificeert deselve „gen verkoopen. onder neevenstaande mits Nevens gem: zoldeert verhoogh. t en bijsrijde gecisteerde den ponthoulou sialam. resruiteering van daar te ijser en koperwerk gere„ Neevens gem: qualifi„ adjerh adgase briefje En dewijl daarbij bleek dat zeeker Pak fijne Parcal voor 't geldende te mo„=len N„o 320. soodaanig beschadigt gevonden was, dat het zelve onmoogelijk voor de ordinaire Percentos te verkoopen was, en 't versoek van den Resident, om dleese doeker op fondament van dien, voor 't geldende van de hand te moogen zetten, in aanmerking genoomen zijnde; soo vond men goed in dit zijn versoek te Con= descerdeeren mits verdagt zijnde, deselve niet minder dan 30 P:r C t advans quaame te behaalen. Voorts vond men goed, den aldaar be„ en bosschjiter in gagie scheijdenen zoldaat Sebastiaan Thoon, en Bos. „schieter Laurens Harssier bijde mits tijds expira„ „sie naar het Reglement in Gagie te verhoogen den eersten tot ƒ 11: en den laatste tot ƒ9—: p:s m„d onder een nieuw Verband van drie Iaaren. En verders de qualificatie Roll tot wrards te zenden die te doene halfjaarige verstrekking aan de be- „zettelingen aldaar bij eerste Gelegentheijd da „waards te senden Alwijders bij een ontfanger brief Hierna Produceerde den Heer Resumptie van neevens Gezaghebber, de verantwoording van den Pong =houlou Sialam, op de bij resolutie van den 10„e passato g'insereerde door den Hoofd- Ponghoulou van Simon:bouwa in naame Sijunda teegens hem ingebragte klagter zijnde gemelde Verantwoording van volgende Inhoud Mitsgaders op de Instantie van den Coldant machielse bij den zoldaat Machiels in antwoord te dienen, dat verloopen men in dit zijn versoek bij recruteering zal bewilliger Voorts En nets eenige door hem overge.I af beseijde gesiteerde sondene ijser en Kooper- werken, na gedaan seneel inde te uijte reparatie weederom te rug te zenden. =je van den Adjarhadjas Resident Challier ge Resumptie van een„ =dateerd, P„r deeser gezien zijnde, desselfs versoek om de Qualificatie Roll tot de te doene halfjaare: =ge verstrekking; zoo wierd goedgevonden, hem catie roll derwaarts deselve bij eerste gelegentheijd te doen geworden. 157 Plan. 82/. ƒ . te zenden. k

NL-HaNA_1.04.02_3184_0127 view scan ↗

English

The 4th of July in the year 1765. The 4th of July in the year 1765. To the Right Honorable Hendrik van Staveren, Governor of Sumatra's West Coast, together with the further Honorable Members of the Honorable Council of Policy. Right Honorable Sir and Gentlemen. The undersigned having been presented with a certain extract from a report submitted to your Honors by the Master Attendant Gerrit Coerte and Pay Bookkeeper Willem Fredrik Meerts, containing complaints from the Chief Regent of Simonbouwa named Sijunda against him and the Overseer Pomat. In order to provide his refutation to these complaints, and at the same time to clear the truth from the falsehood contained therein, the humble subscriber hereof takes the liberty of producing a true and detailed account of what occurred there before your Honors, being prepared, if necessary, to confirm this at all times under solemn oath with great willingness. When the undersigned went to Nias in the year 1762, or about three years ago, to purchase slaves there, upon his arrival at Simonbouwa, its Chief Panghulu Sijunda came on board his vessel with several other Panghulus. He not only received them very kindly, but also, at the urging of the said Sijunda, honored each of the accompanying Panghulus with a piece of linen, according to local custom. Subsequently, the frequently mentioned Sijunda asked the undersigned for what purpose he had come there, and upon receiving the reply that he wished to trade there, he answered that he could be accommodated with everything. The said Sijunda continued to ask in conversation whether the undersigned also had orders to purchase some fine slaves, and after this question was answered with yes, he said that the subscriber should not buy them from others but from him, and that for this purpose he should hand over to him in advance the value of the slaves requested by him. But since the subscriber showed himself unwilling to the latter with well-founded reasons, and declared that he would not give any money or goods prior to the receipt of the value, Sijunda asked him whether he now distrusted him, since he had already traded with him so often. This question, combined with the consideration made by the subscriber that if he did not comply with his wishes in this matter he would have to return to Padang without trade, and thus without slaves, made him resolve to hand over the goods demanded by the often-mentioned Sijunda, consisting of: The 4th of July in the year 1765. The 4th of July in the year 1765. 1 Thail and 2 maas of Gold 3 Bars of Iron 4 pieces of Salempores, blue-brown 3 pieces of ditto, white 4 pieces of Bairams 4 pieces of Baffas A quantity of Sikorda, to the value of 2 pieces of Salempores All to the value according to purchase here of rixdollars 99: 42:— After the delivery of these goods, the subscriber asked Sijunda when he would receive the two fine girls requested by him in return, and having received the answer that he would deliver them within 4 days, the undersigned asked him whether in the interim of the appointed four days he might also purchase from other slaves, if they were offered for sale. Having received yes as an answer thereto, the said Sijunda departed well satisfied from on board to the shore. The undersigned then, pursuant to the license granted by him, Sijunda, bought four slaves from various persons within the span of five days. After the expiration of this time, Sijunda appeared with about 20 persons in his retinue, calling the subscriber ashore, who thereupon went ashore with 5 persons. With great astonishment he saw Sijunda present to him, instead of the two promised fine girls, a crooked albino boy for the gold and goods advanced, and although the subscriber protested against the acceptance of this boy and reminded him of his promise, Sijunda nevertheless persisted in the presentation of this boy, and made a quasi-promise to deliver other slaves of greater standing in the future, but that for the present he had to be satisfied for the gold and money advanced with the crooked and albino boy now brought to him. The undersigned nevertheless persisted in his protest in this matter, but Sijunda was then no longer content merely to refuse him absolutely the promised two fine girls, but in addition directed various insults at him, whereupon the subscriber, also becoming a little heated, answered him: Well, how have you now changed so much, whereas before we lived together as brothers? You refuse to give me my slaves; two slaves that you still owe to my uncle named Mare Mage, and which you promised to give me upon my return, I now also do not receive, and on the contrary I must now endure various insults and affronts from you and your people. Sijunda then snapped at him: Kee-Kattoen has done us much harm here, and you, being also a Padanger, must now atone for that. The slaves that I owe you according to promise you shall not get, much less those which your uncle is still to have from me; continuing constantly to abuse him with all kinds of vile names, which the Niassers who were with him also did. And Sijunda said at the same time that if he would not take this albino crooked boy, he could count on getting nothing for his gold and goods. The subscriber thereupon asked Sijunda what he had to do with the offense of Vee Kattoen, and said at the same time that he was sorry that, since he had previously lived with him, Sijunda, as a brother, and to his knowledge had never offended him, he now had to be so scolded and affronted by him and his people, and furthermore

Dutch transcription

Den A„e Julij A. o 1765: Den 4e. Julij Ao 1765. Aan den Wel. Edele Agtbaare Heer Hendrik van Staveren Gezaghebber over Sumatras W„t C„t Beneevens De verdere Heeren Leeder in den Agtbaarer Raad van Politie. Wel- Edele Agtbaare Heer en Heeren. Den Ondergeteekende ter hand gesteld zijnde, seeker Extract uijt een berigt door den Equipagie op =siender Gerrit Coerte en Zoldij - Beekhouder Willem Fredrik Meerts; aan uw: Wel- Edel. Agtbaarens over- =geleevert, houdende klagten, van den Hoofd-regent van Simon bouwa in naame Sijunda teegens hem, en den Alchiender Pomat. Om op welke klagter dan zijn weeder- legging te geeven, en teffens de waarheyd van de on= „waarheijd daarin vervat, te suijvern; den needriger teekenaar deeses, dan de Vrijheijd gebruijkt, een waar en omstandig relaas van 't gepasseerde aldaar, voor Uw. Wel. Edel. Agtb:r te produceeren, om des noods met veel bereijd= „willigheijd, ten allen tijder met solemneele Eede te staaven. Vervolgens vroeg meermelde Sijunda aan den ondergeteekende, tot wat eijnde aldaar gekoomen was en op bekoomen replicq, dat aldaar wilde negotieeren zoo antwoorde hij, dat hij van alles gerieft konde worden. Vervolgde hij Sijunda wijders discoussive te vraagen, of den ondergeteekenden ook last had, om eenige mooije slaaven te koopen, en na deese vraag, met Ia beantwoord was, zoo deselve zeijde hij, dan den Teekenaar „ niet van andere maar van hem moeste kooper, en dat hem ten dien eijnde de waarde van de door hem ver= =langs werdende slaaven voor aff diende te inhandigen, dog dewijl de Teekenaar sig tot het laatste met gegronde reeden onwillig toonde, en betuijgde geen geld nog goederen voor den ontfangst van de waarde, te willen affgeeven, zoo vroeg hij Sijunda aan hem, off hij hem nu mistrouwde, daar hij bereeds met hem zoo dikmaals genegotieert had, welke vraag gevoegt bij de consideratie, welke den teekenaar maakte, dat zoo hij hem in deese niet te wil stond hij zonder negotie, en dus zonder slaaven, weederom na Padang zoude moeten vertrekken, hem deed resolveeren, het door dikgemelde Sijunda gepretendeerde goed afftegeeven, bestaande in Den ondergeteekende in den Iaare 1762. off circa nu drie Iaaren geleeden, na Neas gaarde om aldaar slaaven te kooper, zoo quam bij zijn arrivement op Simonbouwa; dies Hoofd-Ponghoulou Sijunda met meer andere Ponghoulous aan boord van zijn Vaar= =thuijg, welke hij niet alleen zeer vriendelijk ontfing „maar ook op de aanmaaning van gem: Sijunda aan ijder der meede gekoomene Ponghoulous, een stukje Lijwaat, volgens ondergewoonte vereerde. Den 2 Thail 84/. 85: ƒ Den 4„e Julij A:o 1765. Den 4„e Julij A„o 1765. 1 Thail en 2. maas Goud 3 Staaven Yszer. 4. p„ Salempoeris br: bl: 3 „ _„o _ o witte 4 „ Baijrams. A. in Baffas. Een parthij Sikorda, ter waarde van 2. p:s Salempoeris alles ter waarde volgens Inkoop alhier rds „ 99: 42:— Na overgaaf van welke goederen, den teekenaar Sijur„ =da vroeg, wanneer daarvoor de twee door hem gerequireerde mooije meijde zoude krijgen, en tot antwoord erlangd hebbende, deselve binnen 4 daage te sul„ =len leeveren; zoo vroeg den ondergeteekende aan hem, off hij in die tusschen tijd van de bestemmde vier daagen ook wel van andere slaaven mogt koo „per, des te koop geveijlt werdende, en daarop Ia tot antwoord erlangd hebbende, zoo vertrok hij sijunda vergenoegd van Boord na de Wall Den ondergeteekende kogt dan ingevolge der ver= =leende Licentie van hem Sijunda in den tijd van vijff daagen vier slaaven van diverse persoonen; naa verloop van welke tijd hij Sijunda met circa 20 koppen van zijn gevolg quam opdaager, zoe =pende der Teekenaar aan Wall, die daarop met 5 persoonen aan wal gaarde met veel verwordering zag hij Sijunda hem in steede van de twee beloofde mooije meijsjes, nu een kromme Kakkerlakse Ionge voor het vooruijt verschootene Goud en Goed, aanpresenteerde, en offschoon der Teeke= =naar teegens de acceptatie van deese jonge protesteerde, en hemr zijne beloffde indagtig maakte; zoo bleef hij Sijunda egter bij de presentatie van deese Ionge, en beloofde quasie om in den aanstaande andere slaaven van meerder aansien te sullen leeveren, dog dat hij zig voor het teegenswoordige voor het vooruijt verschootene Goud en Geld met de thans door Den Teekenaar vroeg hierop aan hem Sijunda wat hij met het misdrijff van Vee kattoen van nooden had, en zijde tef„ =fers, dat het hem leed deed, daar hij bevoorens als broeder met hem Sijunda geleeft, en hem zijnes weeters nog nooit beleedigt had, hij nu zoo van hem en zijn Volk gescholder en g'affronteert moest worden; en daaren Sijunda voegte hem hierop toe kee- Kattoen heeft ons hier veel quaad gedaan, en dat moet gij als meede een Padangnees zijnde, nu boeten, de slaaven dien ik uw: volgens belofte schuldig ben zal uw: niet krijger, veel minder dan die; welke uw: Oom van mij nog moet hebben; vervolgende al immers met hem voor alles wat leelijk was uijt te schelden, 't welk de bij hem zijnde Neassers ook deeder En zijde hij Sijunda teffens, dat zoo hij deese Kakkerlakse kromme Ionge niet neemen wilde, hij staat kon- „de maaken voor zijn Goud ende goed niets te zullen krijgen. Den ondergeteekende bleef egter bij zijne protestatie in deesen, dog hij Sijunda vergenoegde zig als doen niet meer met hem absolut de beloffte twee mooije meijde te wijgeren, maar voegde hem daaren boven nog diverse scheldlwoorden toe, waarop den Teekenaar hem /:als ook een wijnig heewig wordende :/ antwoorde: Wel hoe ben je nu zoo verandert, daar wij bevoorens als broe =ders te saamen leefden, mijn slaaven wijgerje mij te geeven, twee slaaven die uw: aan mijn Oom in naame Mare Mage nog schuldig bent, en die uw: mij beloofd hebt bij mijn weederomkomst te sullen geeven, krijg ik nu ook niet, en in teegendeel moet ik nu nog diverse scheldwoorden en affronten van uw: en uw: volk verdraager. hem aangebragte kromme en kakkerlakse Ionge moeste vergenoegen. hem booven E 86/. ƒ

NL-HaNA_1.04.02_3184_0129 view scan ↗

English

The 4th of July Anno 1765. The 4th of July Anno 1765. to send an authentic copy thereof to Neas. to lose his goods. But none of this could help or avail; all friendly representations were fruitless, and since the subscriber saw that all gentle means were of no avail, and he, Sijurda, also continued with insults, he said, while also uttering some insults, that he would rather die there than lose his goods, whereupon a crowd of Neassers with assegais and other weapons came rushing at the undersigned and threw at him, on which occasion he was struck in his leg, marks of which are still to be seen; but the subscriber, through all good fortune, retreating towards the beach and to his chiampang, this crowd nevertheless pursued him just as fiercely, even up to neck depth in the water. The ship's crew of the undersigned, then seeing that he was pursued by a crowd of easily more than three hundred, the Atchinese commanding the vessel, by name Sipomat, ordered them to fire upon them, which also immediately occurred; without the undersigned being able to say whether on that occasion any Neassers were killed; however, this he knows very well, that the delivered fire could not drive the pursuing crowd back or landward; on the contrary, they held on to the canoe in which the subscriber was situated just as firmly, which made him resolve to give fire once more with a certain snaphaunce he held in his hands, without being able to say, due to the distress in which he was at that time, whether he struck any of them or not; nevertheless, this shot was of such effect that they let go of the canoe for a moment, but this did not last long, for shortly thereafter they And since upon review thereof it was remarked that the rebuttal of the accused against the complaints brought against him was just as strong as the complaints of the party, and also taking into consideration the equality of the proceedings, as they are on both sides destitute of proper evidence, it was deemed proper for the time being not to proceed further in this matter, While I have the honour, with deep respect and all high esteem, to call myself, underneath was written: Right Honourable Sir and Sirs, lower: Your Right Honourables' humble and very obedient servant, was signed: Missal Boemie, in the margin: Padang the 11th of June 1765. came swimming with redoubled fury towards his gonting and held fast the anchor cable in order thereby to drag this vessel to the shore, which made the subscriber resolve to cut the cable held fast by them and to continue his voyage to Padang. This is all that has transpired, Honourable Sir and Sirs; and as to the brother's son claimed by the oft-mentioned Sijurda, the subscriber can declare in all conscience to know nothing of him; remaining prepared to confirm this statement of his at all times with a solemn oath, whenever it shall please your Right Honourables. 88. etc. f. 91 The 4th of July Anno 1765. to allow the complaining Head Regent to reply thereto. The chaloup de Goudvink projected to Aijerbangies for the aforementioned purpose. With Chinco's Chief Palm having arrived here with the aforementioned Batavia papers etc., the first being according to but on the contrary, before proceeding to a final disposition, to send the authentic answer itself to Neas, to the end that the aforementioned complaining Head Regent may enable the Council through more cogent evidence to decide this matter according to equity. Lastly, for the conveyance of the goods projected for the factory Aijerbangies, the chaloup de Goudvink was engaged. Thus done, resolved, and arrested in the Netherlands Company's factory at Padang on Sumatra's West Coast, on the day, month, and year aforementioned; was signed: Hendrik van Staveren, Ian Anthonij Thierens, Frans Douglas, Ian Calcoen van Limbourg, Ian Fredrik Willem Nicolai, Member and Secretary. Thirdly: That upon the proposal of the Lord Commander, it was at the same time approved to postpone the deliberation on His Honour's letter until the 22nd of this month. Secondly: That at the same time were opened Their High Honours' very venerated letters and appendices brought by the aforementioned vessels, and that the same were found to agree with the accompanying register. Firstly: That the Chinco Chief Palm arrived here this morning with the Batavia papers, brought from there by the small ship de Jonge Petrus Albertus and the Tanjong poet the sculp, with notification that these vessels could not come up due to the persistent north-westerly winds. The members being seated, it is initially approved to make a record of what had occurred since the 4th of July up to the date hereof, namely: Forenoon Meeting of Policy. All present, and also the Junior Merchant and Chinco Chief Salom. Thursday the 18th of July Anno 1765. Thursday the N. 90.

Dutch transcription

Den 4„e Julij A„o 1765. Den 4„e Julij Ao. 1765. het zelve authenticq na Neas te senden. =boover nog zijne goederen verliesen. Dog dit konde alles niets helper off baater, alle vriendelijke vertooger waaren vrugteloos, en vermits den Teekenaar zag, dat alle minsaame „ niets helpen wilden middelen, en hij Sijurda ook met schelden voortvoer, zoo zijde hij onder het uijten meede van eenige scheldwoorden dat hij liever aldaar sterven wilden, dan zijn goed verlieser, waarop 'er een meenigte Neassers met Assegaijen en andere geweeren op den ondergeteekende quaamen toeschreten, en na hem gooijen bij welke gelegentheijd hij in zijn been getroffen word, waar- =van de teekens nog te zien zijn, dog den teekenaar zig bij allen gelucke strandwaards en na zijn Chiampang redireerende, zoo vervolgde deese meenigte hem egter eeven heevig zelfs tot halsdiepte in 't waater De scheepslinger van den ondergeteekenden dan ziende, dat hij van eene meenigte van wel ruijm drie hondert vervolgt wierd, ordonneerde der op 't Vaarthuijg gezag voeren. =de Atchiender, in naame Sipomat om op deselve te vuuren, het welk ook immediaat geschiede; zonder den ondergeteekenden kan zeggen, off 'er bij die gelegentheijd eenige Neassers re= sreuvelt zijn, egter dit weet hij nogthans heel wel, dat het gegeeve. „ne Vuur, de hem vervolgende meenigse, niet terug off landwaards konde drijven; in teegendeel hielden zij lieder den Cano daar den Teekenaar zig in bevond eeven sterk vast, 't welk hem deed resolveeren, om met zeeker in handen hebbende snaphaar nog eens Vuur te geeven zonder door de benauwtheijd, waarin hij toen ter tijd was, meede te kunnen zeggen, of hij 'er eenige van deselve getroffen heeft dan niet; Egter was deese schoof van dat Effect, dat zij lieden de Cano voor een poos loslieter, dog dit duurde niet lang, wans kort hierna quaamen zij En vermits men bij resumptie, van het zelve remarqueerde, de weederlegging van den be„ =klaagde op de teegers hem ingebragte klagter, eeven kragtig te weesen, met de Klagten van Parthij, als meede in aanmerking genoomen zijnde, de gelijkheijd van Proce =duuren, als zijnde aan weerskanten van behoorlijke bewij„ „sen ontbloot, zoo vond oen goed in deese zaak voor eerst niet ver Terwijl de Eere hebbe mij met diep ontsag en alle Hoogagting te noemen /:onderstond:/ Wel. Edel-Agtbaare Heer en Heeren /:laager :/ Ello Wel. Edel Agtb:r onderdaanige en zeer gehoorsame dienaar /:was geteekent /: Mis„ „sal Boemie /:in margine :/ Padang den 11„e Iunij 1765. lieden met een verdubbelde Foerie, na zijne Gonting swommen en hielen het anker - Touw vast, om dit Vaarthuijg daarbij na de wal te sleepen, 't welk den Teekenaar deed resolveeren, 't door hun vastgehouden werdende Touw te kapper, en zijn rijs na Padang te vervolgen Dit is al 't gunt gepasseert is, E. Agtbaare Heer en Heeren;, en wat de door dikgemelde Sijunda gerequi„ „reert wordende broeders zoon betrefft, zoo kan den teekenaar in ge= „moede betuijgen, van denselven niets te weeten; bereijd blijvende deese zijne opgaave, ten allen tijden, wanneer het uww: Wel Edel Agt. „baarens zal gelieven te behaagen, met solemneele Eede te sterken. lieden te 88/. ens. ƒ 91 Den 4e. Julij Ao. 1765. om den klaagende Hoofd =regent daarop te laaten repli. De Chialoup de Goudvrink ten neevensgem: eijnde na de Nijerbar. „gies geprojecteerd. Met Chincoos opper. =hoofd Palom is oiet nee- =vens gem: Bataviase Papieren en z: hier garri: zijnde de eerste volgens =der te gaan, maar in teegendeel alvoorens tot eene fi„ „naale dispositie te treeden, het authenticq antwoord zelfs na Neas te senden, ter eijnde opgemelde klaagende Hoofd. =regent, den Raad door bondiger bewijser, in staat quaa „„me te stellen, deese zaak na Bellijkheijd te decideeren Laastelijk wierd nog ter overbreng van de voor 't Comptoir Aijerbangies, geprojecteerde Goe= deren aangelegt de Chialoup de Geudvink. Aldus Gedaan, Geresol. =veert; en g'arresteert, In 't Neederlands Comp. =teir te Padang op Sumatras Westcust Ten Daage, Maand en Iaare voormeldt /:was getee„ =kent :/ Hendrik van Staveren, Ian Antho„ =nij Thierens, Frans Douglas, Ian Cal= coen van Limbourg, Ian Fredrik Willem Nicolai Lid en Secret:s Derdens: dat men op 't voorstel van den De beborigne over H:d: Ed. Heer Gezaghebber te zelver tijd goedgevonden heeft uijtgesteld. brief tot op den 22, e deeser Tweedens: Dat men te selviger tijd g'opent heeft, Haar Hoog. Edelens zeer gevenereerde Letteren en Reguster accoord be bijlaager p:r opgemelde Bodems aangebragt, en dat deselve met het daarbij versellt geweest zijnde Register accordeerende bevonden zijn. vonden Eerstelijk: Dat het Chincoos Opperhoofd Palm, heeden morgen met de Bataviase Papie. „ren, p„r 't scheepje de Jonge Petrus Albertus en de Ian= „jong poer de sculp van daar aangebragt, hier g'arrd: =veert was, met notificatie, deese Vaarthuijger door de aanhoudende Noord-Weste- Winden niet op konden koomen. veers De Leeden gezeeten zijnde, zoo Inleijding. word aanvangelijk goedgevonden, van het geene 't seedert. den A' Iulij tot dato deeses was voorgevallen aanteeke= „ning te houden, en wel Voor de Middag Vergadering van Politie. Alle present, en meede den OnderCoopman en Chincos Op. perhoofd Salom. Donderdag den 18„e Iulij A„o 1765. Donderdag de N. 90/. „veeren - . ek

NL-HaNA_1.04.02_3184_0131 view scan ↗

English

937. The 18th of July, in the year 1765. The 18th of July, in the year 1765. Skipper Treviso permitted to stay on Chinco, with the alongside mentioned recommendation. The Goudvink returned from Aijerbargies on the 16th of this month. were stolen from the Hagge-berg in the month of April last, where they were situated among others for saluting the ships. alongside mentioned report regarding the surplus and deficit found. to postpone the business concerning the said papers until Monday the 22nd of this month. Fourthly: That on this occasion, there was also brought over by the said Chief Palm a letter from the skipper of the small vessel the Jonge Petrus, Albertus Jacobus Treviso, mainly communicating that, on account of his persistent severe illness, he was unable to cross over with his vessel under his command, requesting to be allowed to remain on Chinco until he has somewhat recovered again from this illness of his and thus will be in a condition to come hither; and that it was thereupon approved and he has already been served with the answer: that it would be preferred that he came over in person with the vessel under his command, but that if such were impracticable, his request was granted to him, with the recommendation, however, not to hinder or delay the ship in its voyage by his stay there. Fifthly: That the chaloup the Goudvink returned on the 16th of this month from the post Nijerbangies Brass pieces of ½ lb. . . . . . . 2: 2: — : —: These two pieces of brass pieces of ½ lb Ditto of 3 lbs. . . . . . . 2: 2: —: —: Of 8 balls. . . . . . pieces 26: 2: —: —: Ditto of 2 lbs. . . . . . . 2: 2: —: —. Ditto of 1 lb. . . . . . . 9: 9: —: —: Ditto of ½ lb. . . . . . . 4: 6: —: 2: Ditto of ¾ lb. . . . . . . 8: 8: —: —: This having been thus noted, they reviewed a survey of the artillery and weapon goods submitted by the Administrators and confronted against the trade books of this Commandery, of the following content. Resumption of the alongside mentioned artillery goods. Confrontation of the survey of the artillery and armory goods dated the 10th of July of this month against the trade books, showing what of it is more or less, or in what the survey differs against the books, as follows: The artillery goods. Finding by the survey. Confrontation by the books. More. Less by the books. Brass cannons by sort, as: is, with a letter in which the Resident gave notice that the master of that small vessel had safely delivered his cargo there. 921.

Dutch transcription

937. Den 18e. Julij Ao. 1765. Den 18„e Julij A„o 1765 den Schipper Treviso sijn verblijft op chinco gepermitteert met neevens gemelde recommandatie De Goudvink is den 16„e deeser van Aijerbargies geretourneert. zijn van de Hagge-berg in April maard J: alwaar deselve onder meer anderen tot 't sa. „lueeren der scheepen geleegen gestoolen. vens gem: berigt wegens de over en te kort bevon„ de besoigne over welgemelde Papieren tot op maan- =dag den 22=en deeser uijt te stellen. Vierdens: Dat bij deese Occasie almeede door gemeld Opperhoofd Palm overgebragt was een missi= =ve van den schipper van het Scheepje de Ionge Petrus Albertus Jacobus Treviso principaal communicatie doende, hij om de wille van zijne aanhoudende swaare siekte, buijten staat was met zijn onderhebbende bodem overtekoomen met versoek om op Chinco zoo lange te moogen vertoeven, tot dat weeder eer wijnig van deese zijne siekte hersteld en dus in staat geraakt zal zijn om herwaards te koomen en dat daarop goedgevonden en hem bereeds in antwoord gedient is: dat men liever zag, hij in persoon met zijn onder hebben =de Bodem overquam, Edog dat bij aldien zulx ondoenelijk was, men hem zijn versoek accordeerde met recommandatie egter, om het schip in zijne Rijse, door zijn verblijff aldaar niet hinderlijk te zijn nog op te houden Vijffdens: Dat de Chialoup de Goud= =vink den 16„e deeser van 't Coimptoir Nijerbangies terug gekoomen Metaale stukjes van ½ lb. . . . . . . „ 2: 2: — : —: Deese twee p„s metaale stukjes van ½ lb „ 3„ _. o. . . . . . . „ 2„ 2„ —: —: Van Att bals. . . . . . p„s 26: 2: —: —: „ 2„ _o. . . . . . . „ 2„ 2„ —: —. „ 1 „ _o. . . . . . . „ 9„ 9„ —: —: „ — ½„ _. o. . . . . . . „ 4: 6: —: 2: .. „ —¾ „ _o. . . . . . . „ 8: 8: —: —: Dit aldus genoteert zijnde, zoo re- Resumptie van nee„ „sumeerde men een door de Administrateurs ingeleede arthillerij goede„ =vert, en teegens de Negotie boeken deeses Commande= =ments geconfronteerde opneem der Arthillereij en Waa- =pen - Goederen van volgenden Inhoud. Confrontatie van den Opneem der Arthillereij en Waapen: kaamers goederen onder den 10„e Iulij: van deese maand teegens de Negotie-boeken, met aanthooning wat daarvan meer of minder is, of waarin den opneem teegens de boeken differeert als. S. De Arthillereij Goederen Bevindig Confrontatie bij der, bij de meerde, mender Metaalen Canoonen in Soort, als. opreem boeken bij de boeken. . is, met een brief waarbij den Resident notificatie deed, dat den Gezaghebber van dat kieltje zijne Lading aldaar wel uijtgeleevert had. 921. „ren. — k

NL-HaNA_1.04.02_3184_0132 view scan ↗

English

The 18th July Anno 1765. The 18th July Anno 1765. Upon the inventory; Upon the comparison; More; Less. Iron Cannons in kind, as Brass Mortars in kind, as of 6 inches . . . . . . . . . . pieces 1 : 1 : — : — " 5 " . . . . . . . . . . " 1 : 1 : — : — " 4 " . . . . . . . . . . " 2 : 2 : — : — " 3¾ " . . . . . . . . . " 1 : 1 : — : — Brass chambers . . . . . . . . . . " 33 : — : — : — Gun carriages and kinds as per the books . . . . . " 40 : 40 : — : — Iron-mounted limbers in kind ditto . . . . . " 5 : 5 : — : — Mortar beds in ditto ditto . . . . . " 6 : 6 : — : — Pushing tongs . . . . . . . . . . 70 : 70 : — : — " 872 : 181 : — : 9 Chain-shot in kinds as 6 lb . . . . . . . . . " 606 : 795 : — : 189 " " 4 lb . . . . . . . . . " 404 : 474 : — : 70 " 3 lb . . . . . . . . . " 1064 : 1191 : — : 127 " 2 lb . . . . . . . . . " 561 : 600 : — : 39 of 8 lb . . . . . . . — of 8 lb balls . . . . . . . . . pieces 8 : 8 : — : — " 6 lb ditto . . . . . . . . . " 12 : 12 : — : — " 1 lb . . . . . . . . . " 234 : 363 : — : 129 Stone cannonballs . . . . . . . . . " 607 : 607 : — : — Round shot in kind, as Lead musket balls . . . . . . . . " 3259 : 3934 : — : 675 Lead pistol balls . . . . . . . . " 4700 : 4955 : — : 255 3 lb . . . . . . . . . " 1221 : 1549 : — : 328 2 lb . . . . . . . . . " 1654 : 2050 : — : 396 " 4 lb . . . . . . . . . " 464 : 528 : — : 64 " 6 lb . . . . . . . . . " 1537 : 1511 : 26 : — 1 lb . . . . . . . . . 5130 : 5130 : — : — " — ¼ lb . . . . . . . . . " 2326 : 2326 : — : — Of 8 lb . . . . . . . . . " 424 : 431 : — : 7 " — ½ lb . . . . . . . . . " 3607 : 3607 : — : — " 3 lb ditto . . . . . . . . . " 10 : 10 : — : — " 2 lb ditto . . . . . . . . . " 1 : 1 : — : — " 4 lb ditto . . . . . . . . . " 5 : 5 : — : — Inventory book; According to the books. Inventory; Comparison; Upon the inventory books; According to the books; More; Less. Wire balls . . . . . . . . . pieces 1786 : pieces 1865 : — : 79 Iron canister shot . . . . . . . . lb 360 : 360 : — : — Ditto unfilled grapeshot in kind . . . . . . . " 578 : 378 : — : — Lead grapeshot in kind . . . . . . . " 526 : 597 : — : 71 Dutch match cord . . . . . . . bundles 36 : 59 : — : 23 Bengal match cord . . . . . . . " 17 : 17 : — : — Bast match cord . . . . . . . " 87 : 87 : — : — Bombs in kind, as of 6 inches . . . . . . . . " 316 : 322 : — : 6 " 5 inches . . . . . . . . " 44 : 49 : — : 5 " 3¾ inches . . . . . . . . " 221 : 209 : 12 : — " 3¼ inches . . . . . . . . " 799 : — : 799 Note: the previous Gunner in his statement dated the end of February 1762 calls these of 3½ inches. Hand grenades Grenade fuses or bomb tubes . . . . . pieces 500 : pieces 500 : — : — Cartridge paper . . . . . . . quires 54½ : 51½ : — : — Pattern paper ditto . . . . . . . " 95 : 160 : — : 65 Hand grenades . . . . . . . " 1171 : 1171 : — : — Copper priming wires . . . . . . . " 11 : 34 : — : 23 Iron shell augers . . . . . . . " 6 : 18 : — : 12 Sponges and rammers . . . . . . . " 113 : 113 : — : — Powder sieves . . . . . . . " 7 : 7 : — : — Saltpetre . . . . . . . " 141 : 141 : — : — Pigtail worms . . . . . . . " 47 : 47 : — : — Copper powder ladles . . . . . . . " 45 : 45 : — : — Copper cartridge cylinders . . . . . . . " 57 : 57 : — : — Wooden ditto ditto . . . . . . . " 85 : 85 : — : — Copper searcher hooks . . . . . . . " 2 : 2 : — : — Handspikes . . . . . . . " 15 : 33 : — : 18 Linstocks . . . . . . . " 8 : 8 : — : — Powder horns . . . . . . . " 26 : 26 : — : — Cartridge shears . . . . . . . " — : 1 : — : 1 Wire Cartridge 947 - - -

Dutch transcription

Den 18e. Julij A„o 1765. Den 18„e Iulij A„o 1765.. bij den bij de meerder minder. Bevinding Confrontatie Ysere Canons in zoort, als Metaale Mortiers in zoort, als van 6 „m. . . . . . . . . . . ps 1. 1: —. —: „ 5 „. . . . . . . . . . . „ 1: 1: —. —. „ 4. „. . . . . . . . . . . . „ 2: 2: —: —: „ 3¾. . . . . . . . . . „ 1: 1: —. —. Metaale kamers. . . . . . . . . . . . . „ 33: „ —. —. Affuijten en zoort als bij de boeken. . . . . „ 40: 40: —: —. Beslaagen Voorwaagens in soort _. _o - - - . „ 5. 5: — —: Mortier = stoelen in _„o _. _„o - - - „ 6: 6: —: —: Schuijfftangen - „ _. o _. o _ o - -. 70: 70: —: —: „ 872: 181: —: 9. Lang-Scherp in Zoort als 6 lb. . . . . . . . . . „ 606: 795: —: 189: „ „ 4 „. . . . . . . . . „ 404: 474: —: 70: „ 3 „. . . . . . . . . „ 1064: 1191: —: 127. „ 2 „. . . . . . . . . „ 561: 600: —: 39. van 8 lb. . . . . . . . — van 8 lb bals. . . . . . . . . . p„s 8: 8„ —„ —. „ 6 „ _„o. . . . . . . . . . . „ 12: 12„ —: —: „ 1 „. . . . . . . . . „ 234: 363: —: 129. Steene Koegels. . . . . . . . . . . . . . „ 607: 607: —: —: Rondscherp in zoort, als. „ Loode snaphaan koegels. . . . . . . . „3259: 3934: —: 675: „ „ Pistool - „ „. . . . . . . . . . . „ 4700: 4955: —: 255. 3 „. . . . . . . . . „ 1221: 1549: — „ 328: 2 „. . . . . . . . . . „1654: 2050: —: 396. „ 4 „. . . . . . . . . „ 464: 528: —: 64: „ 6 „. . . . . . . . . „1537: 1511: 26: —: 1 „. . . . . . . . . 5130: 5130: —: —: „ — ¼„. . . . . . . . . . . „ 2326: 2326: —: —: Van 8 lb. . . . . . . . . . „ 424: 431: —: 7 „ — ½„. . . . . . . . . . „ 3607: 3607: —: —. „ 3 „ _„o. . . . . . . . . . „ 10: 10: —: —: „ 2 „ _„. . . . . . . . . . „ 1: 1: —. —. „ 4 „ _„o. . . . . . . . . . „ 5: 5: —: —: opneem boekien bij de Boeken. Bevinding Confrontatie bij den bij de meerder minder opneem boeken. bij de boeken. Draat - koegels. . . . . . . . . . . . . . . . p„s 1786 p„ 1865„ —: 79 IJsere Schroot. . . . . . . . . . . . . . lb 360: 360„ —: —: _„o ongevulde Druijven in z„t. . . . . . . . „„ 578: 378„ —: —: Loode druijven in zoort - - - - - - - - - - „ 526. 597„ —: 71. Lond hollands. . . . . . . . . . bors„ 36 „ 59„ —: 23. „ „ Bengaals. . . . . . . . . . . . „ 17: 17: —: —: „ „ Bast. . . . . . . . . . . . . „ 87: 87: —: —: Bommen in Soort, als van 6: d„m. . . . . . . . . „ 316„ 322: —: 6: „ 5 „. . . . . . . . . „ 44: 49: —: 5: „ 3. /¾. . . . . . . . . „ 221: 209: 12: —. - . „ 3¼. . . . . . . . . . „ 799: —: 799 — — NB: de voorige Constapel noemt bij zijn op- =gaave onder ultimo febr 1762. die van 3½ d=m.. – hand granaaten :Granaat Pijper off bombuijsen - - - - - p:s 500 p:s 500 „ —: —. Cardoes Pampier. . . . . . . - boek 54½: 51½: —: —: Pattroon _„o. . . . . . . . . „ 95: 160 „ —: 65: Hand Granauter - - - - - - - - - „ 1171: 1171 „ —: —: Koopere Laad-priemen. . . . . . . . „ 11: 34„ —: 23: Ysere schul. booren. . . . . . . . . „ 6: 18 „ —: 12: Wissers en Aansetters. . . . . . . . . „ 113: 113„ —: —: Kruijt: ziften. . . . . . . . . . . . . „ 7„ 7„ —. —. Salpeeter. . . . . . . . . . . . . . „ 141: 141„ —„ —. Verken Staarten. . . - - - - - . . . „ 47: 47 „: —: —: Koopere Schuijf-leepels. . . . . . . . „ 45: 45„ —: —: „ „ „ Cardoes Rookers. . . . . . . . „ 57: 57 „ —: —: Houte _=o _:o. . . . . . . . „ 85: 85: —: —: koopere Taast= haaken. . . . . . . . . „. 2: 2: —. —: : Handspaaken. - - . . . . . . . . „ 15: 33: —: : 18: Lond-Stokken - - - - - - - . . . . . . . . . . „ 8: 8: —: —: Kruijt=hoorns. . . . . . . . . . „ 26: 26: —. Cardoes - Schair. . . . . . . . . . . „ —„ 1„ —„ Draat Pardoes. 947: - - 1. ƒ „ -

NL-HaNA_1.04.02_3184_0133 view scan ↗

English

96/. 97/. The 18 July Ao. 1765. The 18th July Ao 1765. stack with two capital advances to be paid into the treasury Balance with 2 pieces pans. . . . 1: 1: —: —: copper bullet molds. . . . . . . 25: 25: Cartridge needles. . . . . . . . . pieces 14: 14: —: —: Cork. . . . . . . . . . . . . sheets 13: 13: —: —: Lanterns. . . . . . . . 5: 5: —: —: Purse barrels. . . . . . . . . . . . . . 6: 6: —: —: Copper powder measures. . . . . . . . . . 17: 17: —: —: Iron crowbars. . . . . . . . . . . 13: 18: —: 5: powder adzes. . . . . . . . . . 5: 5: —: —: haulers - - - - - - - - - 11: 11: —: —: Lead weights. . - - - . . . . . . . . . . . 7: 7: —: —: Bomb tampers. . . . . . . . . . . 3: 3: —: —: Gunner's field staffs. . . . . . . . . 2: 2: —: —: Copper dividers. . . . . . . . . 3: 3: —: —: Iron curved [illegible]. . . . . . . . . . . . 1: 1: —: —: Empty cross-barrels. . . . . . . . 50: 50: —: —: Powder funnels - - - - - - - - - - 3: 3: —: —: Copper powder provers - - - - - - - - - - 2: 2: —: —: bullet molds. . . . . . . . . 2: 2: —: —: kettles. . . . . . . . . . . . . 1: 1: —: —: Iron mammoths. . . . . . . . . 1: 1: —: Parrings. . . . . . . . . . . . 2: 2: —: copper square - - - - - - - - - 1: 1: —: —: Iron shovel. . . . . . . . . . . 1: 1: —: —: copper tail pan. . . . . . . . . 1: 1: —: —: Copper hammer. . . . . . . . . . . . . 1: 1: —: —: Iron linchpins. . . . . . . . . . 16: 16: —: —: rammer staves. . . . . . . . . 30: 30: —: —: Screw jack. . . . . . . . . 1: 1: —: Thus done, resolved and decreed in the Netherlands Office at Padang On Sumatra's West Coast on the day, month, and year aforementioned. was signed: H.k V.n Staveren and others I. A. Thierens J.s Douglas. I.r Calcoen V.rn Limburg S: F.k W.t Nicolai. After resumption of which writing, it was approved to deduct the surplus Artillery Goods indicated therein from those found deficient, and then to have the deficit paid by the Gunner John Outjes with 2 Capital advances into the treasury of the Honorable Company. 2. The Armory, of which The inventory having been compared against the Trade books, they report that this was found to be in agreement in all parts. Wherewith we have the honor to call ourselves with all respect, underneath stood: Honorable Respected Gentlemen, lower: your Honorable Respected's humble servants, was signed: I:n H.s Thierens and Frans Douglas. in the margin: Padang the 16 July A:o 1765. Finding Comparison at the surplus deficit Inventory. in the books. —: —: —: Water compass. . . . . . . . . . . 1: 1: —: —: Monday 1 22 Monday The 22nd July A:o 1765 The 22. July 1765. Resumption of Their High Noble's recently received letter and annexes in outgoing letter respectfully give notice of the receipt as well as that the ship had delivered its cargo at Chinco of the Skipper and circumstances of the crew. regarding the performed inspection of the ships Along with the aforementioned exempted previous year's profits and losses, Batavia Coerte exempted from along with the aforementioned 136 pieces All present Besides the junior merchant and Chinese chief Roeland Palm This day, designated by Resolution of the 18th of this month for the examination of the contents of Their High Nobles' highly honored orders, received per the small ship de Jonge Petrus Albertus, and dated the 25th of June prior, the Lord Commander accordingly opened this meeting immediately with the further Resumption of the received Missive and Annexes, after reading and consideration of which, it was approved and resolved In the first outgoing Letter to Their High Nobles, to give most respectful notice of the receipt of the aforementioned Papers per the small ship named above, which, having discharged its cargo for Chinco, safely arrived at this roadstead on the 20th of this month; its Skipper Jacobus Treviso having remained behind on Poulo Chinco due to severe illness, and during the voyage, due to an infectious atmosphere arising on board, 5 persons died, and 4 persons arrived here sick, who were immediately cared for and provided with the necessary means for their recovery. Their High Nobles having likewise acquitted the Equipment supervisor Gerrit Coerte of the damage incurred on 136 pieces of linens of various sorts, having gotten wet due to the severe weather encountered with the Sloop de Goudvink on his voyage hither; it was understood to exempt him in this regard, and having informed him thereof, he expressed to Their High Nobles his humble gratitude. Their High Nobles having been pleased under the Chapter of discharged and transported Cargoes to exempt the former Master of the Sloop de Goudvinck Dirk Boijsen, Ao 1762/3, from the deficit charged to his account here for the salt discharged at Baros; it was approved to order the Administrators by Extract hereof to credit Batavia by charging the amount thereof to the previous year's profits and losses. That Their High Nobles shall be most humbly thanked for the favorable approval of our proceedings regarding the article of the ships and vessels, etc., and that Their High Nobles would certainly have been given even greater satisfaction herein had Their High Nobles' honored order regarding the receipt of the Linens not been taken literally, which will therefore in the future be observed to the greater satisfaction of Their High Nobles. 98 1 6 That Their F k

Dutch transcription

96/. 97/. Den 18 Julij Ao. 1765. Den 18e Julij Ao 1765. „stapel met twee Capitaalen advans in cassa te doen ver „ „ Balans met 2 p„s schaalen. . . . „ 1: 1: —: —: koopere Koegel. maaks. . . . . . . „ 25: 25: Cardoes = Naalden. . . . . . . . . - p:s 14: 14. —: —: Kurk. . . . . . . . . . . . . Rlaad„ 13: 13: —: —. _. _. _. Lanthaarns. . . . . . . . „ 5: 5: —: —: Beurs Vaatjes. . . . . . . . . . . . . . „ 6„ 6: —: —. Koopere kruijtmaaten. . . . . . . . . . „ 17: 17: —: —: Koevoeten ijsere. . . . . . . . . . . „ 13: 18: —: 5: „ „ kruijt dissels. . . . . . . . . . „ 5: 5: —: —: „ „ Ophaalders - - - - - - - - - „ 11: 11: —: —. Loode gewigten. . - - - . . . . . . . . . . . „ 7: 7: —: —: Bom=Stempels. . . . . . . . . . . „ 3: 3: „ —: —: Constapels Veld. stokken:. . . . . . . . . „ 2. 2: —. —. Koopere Deelpassers. . . . . . . . . „ 3. 3: —: —: Ijsere kromme. . . . . . . . . . . . „ 1: 1: —: —. Leege kruijs-vaaten. . . . . . . . „ 50: 50: —: —: Kruijt Tregters . - - - - - - - - - - „ 3: 3: —: —: Koopere Kruijtproever - - - - - - - - - - „ 2: 2: —: —: „ „ „ „ Koegel vorm. . . . . . . . . „ 2: 2: —:: —„ „ „ „ „ Keetel. . . . . . . . . . . . . . „ 1: 1: —: —: Mammoetjes ysere. . . . . . . . . „ 1: 1: —: Parrings. . . . . . . . . . . . „ 2: 2: —: koopere Quadraat - - - - - - - - - „ 1: 1: —. —: IJsere schop. . . . . . . . . . . „ 1: 1: —: —: koopere staart= Pan. . . . . . . . . „ 1: 1: —: —: Koopere Haamer. . . . . . . . . . . . . „ 1. 1: —: —: Ijsere Lentsen. . . . . . . . . . „ 16: 16: —: —: stokken tot aansetters. . . . . . . „ 30: 30: —: —: Domme = Kragt. . . . . . . . . „ 1: 1: —: Aldus Gedaan, Geresolveert en G'arres. „teert, I 't Neederlands Comptoir te Padang Op Sumatras West Cust Ten Daage, maand, en Iaare voor meeldt. /:was geteekent:/ H„k V„n Staveren ^ eh salm I. A. Thierens J„s Douglas. I„r Calcoen V„rn Limburg S: F„k W„t Nicolai. Na resumptie van welk ge- het minder door den con„ =schrifft men goedvond, de daarbij aangewel- goeden. — =sene en overbevondene Arthillereij Goederen van te min bevondene te decraheeren, en dan 't min= =dere door den Constapel John Outjes met 2 Capitaalen advans in s. E. Comp.s Cassa te laaten voldoen. 2. De Waapen= kaamer, waarvan Den opneem teegens de Negotie-boeken ge- =confronteert zijnde; zoo melden dat deese in alle deelen daar meede accoord bevonden is. Waarmeede de Eere hebben, ons met alle agting te noemen /:onder stond:/ E„ Agtbaare Heeren Heeren /:laager:/ uw: E: Agtbaarens onderdaanige dienaaren /:was geteekent:/ I:n H„s Thierens en Frans Deuglas. /:in margine:/ Padang den 16 Iuly: A:o 1765. Bevinding Confrontatie bij den meerder minder Opneem. bij de boeken. —: —: —: Waater Compas. . . . . . . . . . . „ 1: 1: —: —. Maandag Ering. 1 22 Maandag Den 22„e Julij A„o 1765 Den 22. Julij 1765.. Resumptie van Haar¬ hoog Ed„s jongst ontfan„ bij affte gaane brieff de ontfangst Eerbiedig als meede dat 't schip zijne Lading op Chinco van den Schipper en omstandigheeden der scheepelingen. „ken over de gedaane „sigte der scheepen Neevens gem: ontheffde Jaarige winsten en verliesen, batavia Coerte ontheft van neevens gem: 136 ps Alle present Beneevens den onderkoopman en Chinoos opperhoofd Roeland Palm Deezen dag bij Besluit van den 18 deeser be„ gene brieff en bijlaagen stemd zijnde, tot de Bezoigne over den Inhoud van Haar Hoog Edelens zeer g'Eerde ordres, p:r t scheepje de Jon„ „ge Petrus Albertus ontfangen, en gedatteert den 25 e Ju¬ wij bevoorens zoo opende den Heer Gesaghebber deese vergadering dienvolgende ook ten eersten met de nogmaa „lige Resumptie, der ontfangene Missive en Bijlaagen na lectuure en overweeginge van dewelke, goed gevonden en beslooten wierd Bij eerste aff te gaane Brieff aan Haar H: H: Ed: van dies goe, Hoog Edelens eerbiedigst kennisse te geeven, van den ont„ 8 kenniste geeven „ fangst der opgemelde Papieren pr 't scheepje hier boven ge„ noemd, 't welke zijne laadinge voor Chinco uijtgeleeverd heb„ 6 „ziel uijtgeleeverd had„ ende, op den 20„e deeser behouden op deese rheede gearriv=t is; zijnde desselvs Schipper Jacobus Treviso, door swaare gelijk ot van de zetr zieke op Poulo Chinco te rug gebleeven, en geduurende de Rijse door eene aan Boord ontstaane besmettelijke Lugt 5. koppens overleeden, en 4 koppen alhier ziek aangekoomen 0 die men ten eersten verzorgd, en met de nodige middelen ter hunner geneesing voorzien heeft:— Haar Hoog Edelens van 's gelijken vrij gesprooken hebbende, den Equipagie opsiender Gerrit Coerte, van de schade mat geworden s zijnde ten gevallen, op 136. p:s Lijwaaten in soort, door het ontmoete swaare weer met de Chialoup de Goudvink op zijne Rijze na herwaards; zoo wierd verstaan denselven dusweegen te ontheffen, en hem daar van verwittigt hebbende, betuig„ „de deselve Haar Hoog Edelens zijne nedrige Dankbaarheijd Het Haar Hoog Edelens behaagd hebbende onder het Hoofdstuk der uijtgeleeverde, en vervoerde Ladingen, den kosten zaaden den voor A:o 176 2/3. geweesen Gezagvoerder van de Chialoup de Goudvinckten goede te brengen Dirk Boijsen te Ontheffen van de hem alhier op reekeningen gestelde minderheijd, van 't op Baros uijtgeleeverde zout; zoo vond men Goed de Administrateurs bij Extract deeses te gelasten het bedraagen daar van ten lasten der voorjaarige winsten en en verliesen, Batavia ten goeden te brengen Dat men Haar Hoog Edelens needrigst bedanken: H: H: Eds te bedan„ zal, voor de gunstige Approbatie onser verrigtingen omtrent aprootactie norens om„ het artikul der scheepen en vaarthuigen, en dat men zeeker en vaarthuigen ensz: „lijk hier inne Haar Hoog Edelens nog meer genoegen zoude gegee„ „ven hebben; indien men Haar Hoog Edelens g'eerde ordre op den ontfangst der Lijwaaten, niet Letterlijk hadde opgenomen 't welke oversulx in het vervolg tot meerder genoegen van Haar Hoog Edelens zal g'observeert worden:—. 98 1 6 Dat Haar F k

NL-HaNA_1.04.02_3184_0135 view scan ↗

English

301 The 22nd of July 1765 The 22nd of July 1765 Their High Excellencies having shown some displeasure because in the past year 100 lb of quicksilver was listed on the invoice as unrequested and sent back, which had nevertheless been sent upon the request made at Batavia by the Assayer Altona; and he having been addressed on this matter by this Board, he declared that he had indeed requested the aforementioned quicksilver believing he would need it in his trade, but having found the contrary to be the case, he humbly begged Their High Excellencies' pardon for this error of his, which it was understood should be respectfully presented to Their High Excellencies in the outgoing letter. That the reports sent over by Their aforementioned High Excellencies regarding the assay of the gold bars sent from Adjerhadja to Batavia in the year 1764, shall be sent to Adjerhadja at the first opportunity. And the Administrators and subordinate Residents shall be ordered, by extract from Their High Excellencies' letter, henceforth to state the gold on the invoices and further trade and secretarial papers in marks as well as in taels. Their High Excellencies having protected this establishment against a very apparent time of scarcity, which was not feared without reason, through the relief of 80 lasts of rice brought by the small ship de Jonge petrus Albertus, it was deemed an obligation to thank Their High Excellencies most humbly for this in the outgoing letter, for the good care which it has pleased Their High Excellencies to exercise in this regard. The management concerning native affairs having met with Their High Excellencies' pleasure, with this reminder that one should only not extend leniency too far regarding the native salt-boilers, so that the Honourable Company's salt trade suffers no notable disadvantage thereby; regarding which it was understood to declare humbly to Their High Excellencies that the displeasure which they have pleased to take in the actions on that item, as well as the owed duty, will both continually urge this administration, as much as is practicable, to give Their High Excellencies satisfaction in every respect. That in the first outgoing letter to Baros, Resident Sieben shall be ordered to keep a close watch on the private transport of products out of that province, and that upon discovery of any frauds, he shall immediately give the necessary notice thereof to the Lord Commander and His Council.

Dutch transcription

en 301 Den 22e. Julij 1765 Den 22e. Julij 1765 altona versoek ed„ O „reur in 't Eijschen van neevens gem: quik Neevens gem: Rappout bij eerste geleegentheijd werden De administrateurs te gelasten, 't goud zoowel „quen voorthaar bij de „ken voor de bolem de beden van 80 lasten rijst Haar Hoog Edelens beveelen zo wel omtrent de sout kokerijen als in tijdingetameten Haar Hoog Edelens eenig ongenoegen gethoond heb„ „cuurs of zijn begaanheij bende, om dat men A:o p:o bij factuur als onge Eijscht opgegee„ „ven, en terug gezonden heeft, 100 lb Quiksilver; die egter op het te Batavia gedaane verzoek door den Essaijeur Attona gesonden waaren; en denselven hier over door dit Collegie aan„ gesprooken zijnde, zoo betuigde hij de voormelde Quik zilver naa„ „sentlijk versogt te hebben in meening van den zelven in zijn me„ „tier nodig te hebben, dog daar van het teegendeel ondervonden E de hebbende, zoo verzogte dezelve Haar Hoog Edelens over dit zijn erreur needrig Excuus, 't welke verstaan wierd Haar Hoog Ede„ „lens bij afte gaane brieff eerbiedig voor te dragen. Dat men de door Hoog gemelde Haar Hoog weegens het goud sullen Edelens overgesondene Rapporten van het Essaij der in A„o na adjehatje gezonden 17645 van Adjerhadja na Batavia versondene staaven goud bij eerste Geleegendheijd na Adjerhadja zal verzenden. En de Administracteurs en onderhoorige Residen„ in thaijlen als in marcten, bij Extract uijt Haar Hoog Ed„s brieff gelasten zal, voor„ facturte notfeurn thaan het Goust bij de factuuren en verdere Negotie en secretariaale papieren zo wel in marquen als in Thuijsen bekend te stellen. Haar Hoog Edelens dit Etablissement door het ontzet van 80 Lasten Rijst p:r het scheepje de Jonge petrus Albertus aangebragt, gedeekt hebbende voor eene zeer appa¬ Dat men bij eerst affte grane brief na Bar huten eee den Resident Sieben zal gelasten, eene nauwkeurige toe„ voerder producten te „sigt te neemen, op den particulieren vervoer der produc„ „ten uijt die Provintie; en dat hij bij ontdecking van eenige fraudes, daar van ten eersten de noodige kennisse aan den Heer geeven en Z: rentie duuren tijdt, dewelke niet zonder reeden gevreest word; zoo oordeelde men sig verpligt te zijn Haar Hoog Ed„s desweegen, bij affte gaane Brieff nedrigst te bedanken, voor de goede voorsorge welke het Haar Hoog Ed„s behaagt heeft hier omtrent te gebruiken. —. Het Belijd omtrent de Inlandse saaken Haar Hoog Edelens genoegen weg-gedraagen hebbende, met deese her „ andere opdige sullen inneringe dat men eenelijk omtrent de Jolandje zoutkoo„ kerijen de toegeventheijd maar niet te verre moeste esten„ „deeren, invoegen dat s' E Comp. s zout handel daar door geen naamwaardige nadeel kome te Leijden: waar omtrend ver„ „staan wierd Haar Hoog Edelens needrig te bethuijgen, dat het ongenoegen, 't welke deselve hebben gelieven te neemen in de verrigtingen in dat Artikul, zoo wel als de schul„ „dige pligt, bijde, dit ministerie steeds zullen aanspooren zoo veel het doenlijk is, Haar Hoog Edelens in allen deele genoegen te geeven „rentie Gesaghebber - k

NL-HaNA_1.04.02_3184_0136 view scan ↗

English

102 103 The 22nd July 1765 The 22nd July 1765 he will have to state of what use the post Their High Excellencies humbly to be thanked for their approval regarding thus far very well they nevertheless fulfill little of their promises regarding the collecting of the debts of Seijfferth. Their High Excellencies to be given due notice: Together with the said presents to be delivered and sent to the Panglima and King of Baros: Their High Excellencies to be humbly asked excuse of the native affairs The Authority and Council shall have to give, and at the same time to inform of what use the post at Tapis is found to be for the Honourable Company. That Their High Excellencies will be most humbly thanked for the approval of the provisional appointments of a Sultan at Indrapoura, two Rajas at Iambang and at Tobo, and one Bhandara and two Ponghoulous at Padang, all of whom have thus far conducted themselves in such a manner that there is no reason to doubt the good expectations that were formed upon their appointment; the Sultan of Indrapoura and the Raja at Adjerhadja, as well as those of Cambang, having substantially applied themselves to the pepper and rice cultivation, in token of their attachment to the Honourable Company. That regarding their promises concerning the collecting of the debts of the former Resident at Adjerhadja, Captain Commandant van Seijfferth, one will nevertheless inform Their High Excellencies that thus far no fulfillment or signs thereof have been seen, notwithstanding the continuous exhortations made to them on that account; and that in case anything thereof is received, one will not fail to give Their High Excellencies the due notice thereof at the earliest opportunity. Concerning the received letters and presents from Their High Excellencies for the Panglima and Ponghoulous of Padang and the Regents at Baros, it was resolved to have both delivered and sent as soon as the opportunity shall permit. That since the short stay here of the small ship De Ionge Petrus Albertus does not permit rendering a complete report of the native affairs to Their High Excellencies, one will in the first letter regarding this main matter merely report for the time being that one still lives, as before, in good harmony with the Mountain and other native princes; and that only the matter of Raja Troessang is not yet fully settled, he having nevertheless fully satisfied his debt to the Honourable Company, so that he is permitted under surety of the Land Council to remain here free from arrest for as long as it takes until his disputes with the Tigablas Cotras shall also have been settled and finished, towards which the prospect already appears favourable; at the same time humbly requesting excuse that in the previous papers the comparison of the present for the Menangkabau prince at Sourouassa was not made and the difference thereof was not stated, which now differed to the bad by ƒ 1:1:8 in purchase and ƒ 1:9:- in sale.

Dutch transcription

102 103 Den 22: Julij 1765 Den 22. Julij 1765 hij zal hebben op te gee„ „ven van wat nut de post H: H: Edtelens nodrig te bedanken voor der sel„ „ver goedkeuring ten op tot nog toe heelwel sij voldoen egter nog wijnig aan hun belofften ten aanzien der inpal„ 'seijfferth. —. H: H: lb:r de schuldige kennisse geeven: —. Neevens gem: geschen„ ken aan den Panglima en Koning van Paaros aff te geeven en te ver„ „senden: H: H: Edelensnee„ „drig hecuus te versoe„ geplaegt verduim. — der Jnlandse zaaken Gesaghebber en Raad zal hebben te geeven, en teffens te bedeelen Ee van wat nut de post op Tapis voor d E Comp:e bevonden word:—. C Dat men Haar Hoog Edelens needrigst zal site deaangevelde bedanken voor de Goedkeuringe der provisioneele aanstellin„ „gen van een sulthan te Indrapoura, Twee Radjas te lam„ „bang, en te Tobo; en Een Bhandara en twee Ponghoulous te deselve gedargenig Padang, alle welke zig tot nog toe zoodanig gedraagen hebben dat men geen reeden heeft te twijffelen aan de Goede verwag„ „ting, die men zig bij haare aanstelling voorgesteld hadde; en aderhad ijpere taet hebbende den sulthan van Jndrapoura en den Radja te Ad„ „Jarhadja zoo wel als die van Cambang, zig weesentlijk tot de peeper en Rijst plantagie toegelegt, ten blijke van hun me attachement aan d' EComp:e: Dat men egter aanbelangde hunne beloften „ming van de childwanter in palming van de schulden des geweesenen Resident te Ad„ „jerhadja C„n C„t van Seijfferth, Haar Hoog Edelens zal berigten, dat men tot nog toe geene vervullinge off blijken daar van gesien heeft niet teigenstaande de geduurige aanmanin„ „gen, welke des weegen bij deselve gedaan worden; en dat men wat van inkomt sal men in geval daar van iets te binnen komt, niet zal naalaaten Haar Hoog Edelens ten eersten daar van de schuldige kennisete geeven Belangende de ontfangene brieven en geschenken van haar hoog Edelens voor den Panglima en Ponghoulous van Padang en de Regenten te Baros, wierd verstaan bijde te laaten affgegeeven en te versenden, zoo draa de geleegentheijd zulx zal permitteeren Dat vermits het korte verblijff alhier, van t aete ebe scheepje De Ionge Petrus Albertus niet toelaat, aan Haar ein Compet verstlag Hoog Edelens een volkomen verslag van de Jnlandse zaeken te doen men bij den eersten brieff, ten opzigte van dit Hoofddel bij 't verhaardalde nog maar melden zal dat mete en e e e met de Berg en andere Inlandse vorsten, als nog, gelijk voor heen een gijn de tatne da zaaken in een goede Harmonie is leevende; en dat eenelijk van Radja Troes„ „sang nog niet ten vollen affgeloopen is, hebbende dezelve egter t eden un zijne schuld aan dE Comp: volkomen voldaan, invoegen dat deselve onder Brgtoijt van den Landeraad gepermiteert s, zo ang als e etete „hier buiten arrest te blijven, tot dat zijne verschillen met de te sullen heben Tigablas Cotras al meede zouden zijn verevend, en afgedaan, naar toe zig d' apparentie bereeds favorabel opsdoed: teffens nedrig excuus versoekende, dat men bij de voorige papieren, de vergelijken ver nevensgem: „king van 't Geschenk voor den Manucaboose vorst te Sourouassa niet gemaakt, en het verschil daar van opgegeevend heeft, 't wel„ „ke thans ten Quaden Jnkoops ƒ1:1:8 en verkoop ƒ 1:9: d: gediffereerd ^ en overige doet: —. heeft: —. leeven.— Dat. Wijder op Tapis is: — bouw 6: eek

NL-HaNA_1.04.02_3184_0137 view scan ↗

English

The 22nd of July 1765. Their High Excellencies having expressed themselves in very favorable terms regarding this ministry, conveying their pleasure over the trade conducted and collection of produce during the book year 1763/4, both at Padang, Pulau Cingkuk, and at Ayer Bangis: it was resolved in the outgoing letter to unanimously thank Their High Excellencies most graciously for their favorable sentiments toward this ministry: particularly that the first signatory finds himself not a little encouraged by this to further exert every possible diligence in promoting the interests of the Honorable Company, which he hopes, through God's blessing and crowned with a desirable outcome, will always enable Their High Excellencies to persevere in those same favorable thoughts. Their High Excellencies, in contrast to the above, having shown their displeasure in their letter over the poor result of trade at Ayer Haji and Baros, it was deemed proper to stimulate the Residents Challier and Sieben to emulation by means of an extract from Their High Excellencies' dispatch containing this matter, and to impress their duties upon their conscience in the most emphatic terms. The 300 chests of ordinary white benzoin accepted in the previous year from the Resident Boudewijnsz at Ayer Bangis, for the quality of which he had pledged himself, having been found so inferior by Their High Excellencies that they could not accept the said benzoin, but were obliged to leave it for the account of the said Resident in the first place, and this ministry in the second place; with orders to pay the purchase amount, together with the incidental expenses incurred thereon and interest at 7/8 percent per month, into the Company's treasury forthwith; after which, and not earlier, the said 300 chests of benzoin located at Batavia would be released: and as this Board, having relied too much upon the good faith of Resident Boudewijnsz, has not only been misled in this matter but also disgraced before Their High Excellencies, to such an extent that it finds itself obliged to request Their High Excellencies' most humble pardon on that account; it was resolved with respect to all of this to reproach the said Resident Boudewijnsz in serious terms over this matter and to warn him to guard against such devious ways in the future; with orders to pay the aforementioned amount into the Honorable Company's treasury forthwith and without delay. To which end it was further deemed good to instruct the administrators, by extract hereof, to charge the factory of Ayer Bangis on invoice forthwith with this amount as well as everything else that the Resident Boudewijnsz has to reimburse, so that one may be enabled to give Their High Excellencies the proper report thereof in the outgoing letter. And in order not to see oneself deceived again in the future by an overly great reliance, it was further resolved to instruct the administrators, by extract from Their High Excellencies' latest letter dealing with this matter, to act in accordance with what the contents of Their High Excellencies' orders dictate regarding the receipt of produce. Their High Excellencies having ordered that henceforth merchandise may nowhere be bartered for benzoin except at Baros, and having thus approved the order given in the previous year to Resident Boudewijnsz, it was deemed good to instruct him by extract hereof to observe this, so that he may not plead ignorance thereof in the future. Two hundred piculs of benzoin, ordinary white or 2nd sort, and as much extraordinary white as can be obtained, having been requisitioned from Baros; it was deemed good to order Resident Sieben most earnestly, by copy of the requisition and extract from Their High Excellencies' latest letter, to collect the same. Their High Excellencies having shown their displeasure over the servants at Pulau Cingkuk, and particularly over the Assistant Hendrik Razoux and Sergeant Christiaan Bierman, who functioned there as commissioners, [illegible] to examine the said Razoux and Bierman sharply concerning the above. A price current having been formed for the textiles brought in the previous year by the ship Westfriesland, respectfully presented to Their High Excellencies, and favorably approved by Them; it was resolved for that reason to thank Their High Excellencies most humbly in the first outgoing letter; and to assure Them that one has by no means failed to pursue the Honorable Company's advantage as much as possible in that regard; which is evident from the good result, since despite all adversities encountered this year in trade, one nevertheless hopes to appear before Their High Excellencies with a fairly good yield.

Dutch transcription

104 105 Den 22 Julij 1765. Den 22e. Julij: 1765 H: H: Ed„s te bedanken voor deselver goede gevoelens, ten „rie ensz: challier en sieben door neevens gem: Estract mid„ „wekken Bouderijnsz vr ver¬ „senden van neevens gem: „zuin te reprocheeren Boudewijnsz in gisroben factuur ten Lasten met ordre dien bedragen „de procenti in tassa te tellen. — Wijder Haar Hoog Edelens in zeer favorable ter„ opsigte van dis ministe men derselver genoegen betuigende over den in 't Boekjaar 176¾ gedreeven Handel en Insaam der Producten, zoo te Padang, P=lo Chinco als te Aijerbangis: zoo wierd verstaan bij affte gaane brief eenpaarig Haar Hoog Edelens zeer Gradieus te bedanken, voor de goede gevoelens noopens dit ministerie: Jnsonderheijd dat zig hier door den eerst geteekende, niet wijnig aangespoord vindt, om verder alle mogelijk vlyt aantewenden, ter bevordering van SEComp:s Belangens, die hij hoopt, door Gods zeegen, met een gewenschte uijtslag gekroond, steeds Haar Hoog Edelens zullen kunnen doen volharden bij deselve gunstige gedagten Haar Hoog Edelens in tegenstellinge van 't voor„ „sive tot muijen opten schreeven derselver ongenoegen gethoond hebbende, over den slegten uijtslag des Handels, tot Adjerhadja en Baros zoo on„ deelde men goed te zijn, de Residenten Challier en sieben bij Extract uijt Haar Hoog Edelens Missive deese Materie in¬ houdende tot narijver te verwekken, en dezelve hunne plig„ „ten met de nadrukkelijkste termen op 't gemoed te drukken De in A„o p:s van den Resident Boudewijns=z 300 kisten slegten den „ te Aijerbangis g'accepteerde 300 kisten Bensoin ord: witte, voor welkers Quantiteijd hij sig verbonden heeft, bij Haar Hoog Ed=s zoo slegt bevonden zijnde; dat deselve gemelde Benzuin niet konden accepteeren, maar hebben moeten laaten voor Ree„ „kening van gemelden resident in de eerste, en dit Ministerie in de tweede plaatse; met ordre om het Jnkoops bedraagen, met de daar op gevallene ongelden, en den intrest teegens 7/8 pC„o p„r maand, ten eersten in s Comp:s Casja te voldoen; na met de beseijde geciteer„ 't welke, en eerder niet, gem: op Batavia staande 300 kisten Benzuin, stonden gelargeert te worden: En als o dit Colle„ „gie, dat zig te veel op de goede trouwe van den resident Boudewijnsz verlaaten hadde, hier inne niet alleen misleijd maar ook bij Haar Hoog Ed„s geprostitueerd is, indien voegen dat het zig verpligt ziet, desweegen Haar Hoog Edelens nedrigst Excuus te versoeken; zoo wierd ten opsigte van dit een = en= ander verstaan; gem: Resident Boudewijns=z in ernstige Termen hier over te reprocheeren, en te waarschouwen, zig voor 't vervolg voor diergelijke slingse weegen te wagten; met ordre om ten eersten en zonder uitstel, het voornoemde be draagen in 's E Comp:s Cassa te voldoen:— Ten welken eijnde verders goed gevonden wird afschagen or de Administrateurs bij Extract deeses aantebeveelen; zoo wel dis en, aiserbangies p:r bedraagen als al het geene den Resident Boudewijnsz: verder „de brengen en z welkers is 304 1: eek 5. 106 107 Den 22e. Julij 1765 Den 22e: Julij 1765 omtderten soodanig de han delen als H: H: Eedelens ordre dicteert. —. Bouderijnsz: bij Eistract uit H: H: Ed„ missive den een sien ee „teerdens Razousen Bier„ „man over 't neevenstaan„ „de scherpelijk te onderhou„ dat men niet gemanqueert hier omtrent te beharti„ bedanken voor nevens gem: goedkeuring omtrent de Zijnnaten te vergoeden heeft, ten eersten bij factuur het Comptoir sijer„ „bangis ten lasten te brengen, op dat met in staat gesteldt worde, Haar Hoog Edelens hier van bij affte gaane brieff de verschuldigste narigt te kunnen geeven. —. En om zig in't vervolg niet wederom door eene al te groote toevertrouwentheijd bedroogen te zien, zoo wierd verders beslooten, de Administrateurs bij Extract uijt Haar Hoog Edelens Jongste brieff hier over handelende, aante bebee¬ „len, omtrent den ontfangst der Producten, zoodanig te handelen als den Jnhoud van haar H: Ed:s ordres dicteert: —: Haar Hoog Edelens aanbevoolen hebbende, dat insaam van ben om te ver Voorthaan nergens als te Baros koopmanschappen teegens Ber„ „zoin zullen moogen werden getrocqueerd; en dus g'approseerd hebbende de in Ed:o p:o aan den Resident Boudewijn=r gegeevene ordre, zoo wierd goedgevonden; hem de naerkominge daar van bij Extract deeses aan tebeveelen, om hier van in Teer„ — „volg, geene Ignorantie te kunnen voorwenden van Baros g'eijscht zijnde twee hondert Picols Ben„ „ of 2„e soort, en soo veel extra ord„e witte wardinsten aan ke oen zuin ordinaire witte „ als er te bekoomen is; zoo vond men goed den Resident Sieben den Jnsaam daar van, bij Copia Eijsch Haar Hoog Edelens derselver ongenoegen over Salm gelast de gecommit„ de Chincose Bediendens en inzonderheijd over de aldaar als Gecommitteerdens gefungeert hebbende adsistent Hendkn Razoux en Zergeant Christiaan Bierman, gethoond hebbende, weegens de door haar onder presentatie van Van de Lijwaaten in A=o p:o p:r 't schip west H: H: Cd: ndrigsth vriesland aangebragt, een Prijs Courant geformeert; Haar Hoog Edelens eerbiedigst aangebooden, en door Hoog desel„ „ve gunstig g'approbeert zijnde; zoo wierdt uijt hoofde van dien verstaan; bij eerst affte gaane Brieff Haar Hoog Ed„s desweegen needrigst te bedanken; en Hoog deselve te verste „keren dat men daar omtrent in geenens deele gemanquert soed elgt oen heeft, 'sE: Comp:s voordeel, zoo veel mogelijk was te betragten of 'sEComps voordeel „gen 't welke uijt het goede gevolg komt te blijken; dewijl men niet 1: teegenstaande alle weeder waardigheeden dit Jaar in den Handel ontmoet, nogthans verhoopt, met een tamelijk Rendement onder 't oog van Haar Hoog Edelens te zullen kunnen koomen en Extract uijt Haar Hoog Edelens Jongste Brief op 'terms„ „tige aante beveelen. en Eede „bieden; „len. 3 ek

← previousnext →