Inventory 3267
Malabar · 1,224 pages · 199 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
Tuesday the 11th of April 1769. Likewise the request of the former Javanese of the smiths Elias Koedijk, who for reasons mentioned in the resolution of the 14th of March last was discharged from the Company's service upon his submitted request, and alleging his many years of service and impoverished state, it is now further resolved to permit him to present his request for a pension to Their High Nobles by petition. The Lord Governor having informed the members that the Reverend Minister Piter Cornelisz verbally made known that the present comforter of the sick and precentor Ian Palm is practically unable to perform that duty properly alone, as he is obliged to hold school in the orphanage in the mornings and afternoons and to perform the daily evening prayer both in the hospital and the church, as well as to read to the congregation in the church on Sunday mornings and afternoons, which proved far too hard for a single person, and therefore a second person is urgently required to help perform the said duty, who ought to be requested from Their High Nobles. Whereupon having deliberated, it was approved and agreed to grant his request and to submit the same to Their High Nobles. Also, upon a received ola from the Prince of Peritallij, who makes a request to be allowed to enjoy maintenance money according to previous custom, and which, due to the death of his mother, the old Princess of Peritallij, according to the resolution of the 5th of January of this year, for reasons mentioned therein, was provisionally written off, it is now further approved and agreed to likewise respectfully submit the request of the said prince to Their High Nobles. Just as likewise, upon a submitted report and request made therein by the Honorable Head Administrator Kellij, it was approved to request the aforementioned Their High Nobles in the outgoing general rescript to send back hither the Malabar trade books that were sent from here to Batavia in the year 1767 for the years 17 3/3 to 17 26/3 inclusive, in order to make use of them when occasions arise to look up and search for one thing or another. The Lord Governor, continuing the business, was further pleased to say that if the deepening of the city moat were continued in the manner in which it was begun, it would be a work that requires a great deal of time, and that it could still not be done properly, because the mud must first be hauled out of the moat with great difficulty by the chain gang, thrown onto the rampart, and subsequently carried some distance out of the city gate. That this work could be completed much more quickly and easily if there were two mud barges, whereby one would also have the advantage that the mud could be transported with them to the place where it could be of some use, and as the members were of one opinion with His Honor in that regard, it was approved and agreed, in the hope of the much esteemed approval of Their High Nobles, to have two such mud barges constructed at once in the least expensive manner for the purpose aforesaid. Just as it was furthermore agreed, upon the proposal of His Honor, to have some remainders of far too large, thick nails, which have lain in the warehouse for many years and cannot be used, reforged by the blacksmiths, who have nothing to do, into such kinds of smaller ones, of which there is currently the greatest need, and which cannot otherwise be obtained. Next, the Honorable Head Administrator Kellij having delivered in the meeting the conditions upon which the worn-out sloop De Johanna Catharina, pursuant to the council resolution of the 14th of March last, was sold at public auction on the 10th instant for the sum of three thousand and forty ropias and bought by the Jewish merchant Salomon Kessar, this was accepted by the members for information and resolved to notify Their High Nobles thereof in the general rescript now to be dispatched. On this occasion, it being furthermore made known to the meeting by the Honorable Major Medeler the poor state and condition of the two companies of Orientals who were sent hither from Ceilon to keep garrison here, that most of them are already old and disabled, while others on the contrary are dissolute in conduct and of little use in the military service, and that it would therefore be best if, of those native soldiers, could
Dutch transcription
599 427 Dingsdag den 11: April 1769. insgelijks het request van den Ia„ gagement versoekt den predikant Corneliss geeft teken. noodzaakelijk is en versoekt daarom geweese Javaan der smeeden Elias Koedijk, die om redenen vermelt ter resolutie van den 14: Maart Jongstleden uit 'sComp=s dienst ontslaagen is op desselfs ingediend Request en voorgewendde langjaarige diens„ vaar der smerden koedijk die om „ ten en armoedigen staat als nu nader beslooten denselven te permitteeren zijn versoek om gagement Haar Hoog Edel„ heedens bij request temogen voordraagen; Den Heer gouverneur de Leden g'infor„ „meert hebbende, dat den Eerwaarden Predikant Piter Cornelisz: monde„ ling tekennen gegeven heeft, dat den „nen dat een tweede krankbesoeker presenten krankbesoeker en voorleeser Ian Palm genoegsaam niet instaat is om dien dienst alleen na behooren waar„ tenemen, als zijnde genoodsaakt smor„ „gens en 'snademiddags in 't weeshuis school te houden en daagelijks het avond gebed zoo in 't Hospitaal als de kerk te doen 09 ra„ t n Dingsdag den 11:' April 1769. besluijt desselfs versoek haar hoog bodeshed vor tedragen van peritallij om onderhouds penn: bij zijn overleeden moeder genoten te doen, zoomeede des sondags voor en nade„ middag de gemeente in de kerk voorteleesen, dat zulks voor een enkeld persoon al te hard viel en dierhalven hoognoodsaakelijk tot het helpen waarnemen van gem: dienst een tweede persoon werd vereischt, dewelke van Haar Hoog Edelheedens zal dienen tewerden versogt; Waar over gedelibereert zijnde is goedgevon„ en „den en verstaan desselfs versoek te accor„ deeren en 't selve Haar Hoog Edelheedens voortedraagen; Ook is op een ontvangene ola van den prins van Peritallij, die versoek doed om na voorige usantie onderhouds penningen insgelijks het versoek van den prins temogen genieten; en dewelke mits het overlijden van desselfs moeder de oude princesse van peritallij volgens besluit van 5=ten Januarij deses Jaars, om redenen daar bij vermelt, bij provisie zijn afge„ „schreeven 600. 429 Dingsdag den 11:' April 1769. boeken eander terig versoeken langsaamen voortgang met het uijt diopen der stads gragt schreeven, als nu nader goedgevonden en verstaan het versoek van gem: prins almede Haar Hoog Edelheedens Eerbie„ diglijk voortedraagen; #bij zoo als insgelijks op een ingediend berigt en daar bij gedaan versoek van den E. Hoofd administrateur Kellij goedge„ „vonden is welmelte Haar Hoog Edelhee„ gevon,„ en de versonden, melabaarse megoturs dens bij aftegaane generaale rescriptie teversoeken, de Negotie Boeken die in A=o 1767: van hier na Batavia versonden zijn de annis 17 3/3: tot 17 26/3: in Clusive we„ derom herwaarts tesenden, ten einde bij voorkomende gelegentheeden zig daar van te kunnen bedienen, om het een of ander nateslaan en optesoeken; Den Heer gouverneur de besoigne vervol„ gende, geliefde verder teseggen, dat indien met het uijtdiepen van de stadsgragt voortgevaaren wierd op die en„ st cor„ ns a beimt Dingsdag den 11:' April 1769. propositie om twee modder schouwen „gang van dat werk confirmatie der leeden die wijse zoo als daarmeede begonnen is; zulks een werk zoude zijn waar toe zeer veel tijd werd vereischt, en dat hetselve als dan nog niet nabehooren zoude kunnen gedaan werden, dewijl de modder eerst met veel moeijte door de ketting gangers uit de gragt ge„ haald, op de wal gesmeeten en vervol„ gens een stuk weg de stads poort uit moet gedraagen werden, Dat dit werk vrij spoediger en gemakke„ „lijker zoude kunnen werden g'absolveert, indien er twee modderschouwen waaren, telaten aanmaken tot beeteren wat waar bij men dan nog dat voordeel zoude hebben, dat de modder daarme„ „de zal kunnen werden vervoert ter plaatse daar die van eenig nut zou„ de kunnen zijn, en alsoo de leden daar„ omtrent met zijn Edele van een ge„ voelen waaren, is in hoope van Haar Hoog 601. 434 Dingsdag den 11: April 1769: besluijt eenige groote spijkers te„ „laten versweeden tt kleene Hoog Edelheedens veel g'Eerde goedkeuring goedgevonden en verstaan ten einde voorsz: ten eersten op de minstkostbaare wijse twee zulke modderschouwen telaaten aan„ maaken; zoo als alverder verstaan is op den voorstel van zijn Edele eenige Restanten van al te groote dikke spijkers, die zedert veele Jaaren in 't pakhuis geleegen hebben en niet gebruijkt kunnen werden, door de grof smits, die niets tedoen hebben, telaaten versmeeden tot sulke soorten van klijndere, waarom men thans ten hoogsten verleegen is, en die anders niet te krijgen zijn Door den E. Hoofd administrateur Kellij ver„ volgens in vergadering overgelevert, zijnde de Condities waar op de afgevaaren Chia„ loup De Johanna Catharina inge„ „volge raads besluit van den 14: Maart Jongst KM Dingsdag den 11: April 1769. de afgevaren chialoup de Johanna Catharina voor 3040: rop. s verkogt oposterlingen Jongstleden op den 10: Courant bij publique opveilinge ten gelde gemaakt is, voor de somma van Drie Duisend en veertig Ropias en gemeind bij den Joodsch koop„ „man Salomon Kessar, zoo is zulks bij de leden voor Communicatie aange„ nomen en beslooten Haar Hoog Edelhee„ dens bij de thans aftegaane generaale Rescriptie daar van kennisse tegeven. Te deeser occasie alverder door den E. Ma„ Joor Medeler de vergadering te kennen slegten staat van twee compagnien gegeven zijnde, den slegten staat en gesteltheit van de twee Compagnien oosterlingen, die van Ceilon herwaarts gezonden om hier guarnisoen te houden, dat de meeste daar van bereets oud en gebrekke„ „lijk andere daar en tegen liederlijk van ge„ „drag en van weinig nut in den militai„ ren dienst, en dat het dierhalve best was, indien van die inlandsche militairen konde
English
Tuesday, 11 April 1769. Resolution to request two other companies in exchange for those currently here, so that a small currency could be relieved, and others provided. Having deliberated on this matter, it was further approved upon the proposal of the Governor to request Their High Mightinesses, in the repeated general rescript now to be dispatched, to be pleased to supply this garrison with two other companies of Eastern soldiers from Batavia at the first available shipping opportunity, in place of those who are stationed here and shall be sent to Batavia; And whereas the Governor further informed the members that his Honour had been informed from other quarters that there is a great scarcity of a certain small coin known by the name of Bazeroeken, being a mixture of tin and lead, which is nevertheless very necessary for the convenience of the public, but especially for poor and humble people, his Honour was therefore of the opinion that the community ought to be accommodated in this matter; and since the members were likewise of the same opinion with his Honour, it was likewise agreed to have as much of that small coin cast as shall be deemed necessary for the general convenience of the community and the good inhabitants both within and outside this town; as also to request Their High Mightinesses, in the general rescript presently being prepared, to be pleased to send us at the first available shipping opportunity four thousand Rijksdaalders in duiten and six thousand Rijksdaalders in small coin, including four thousand Rijksdaalders in dubbeltjes, in order once again to make a trial whether those coins can be made current here instead of fanums, which currency is not only bad in itself, but has also already given rise to manifold disputes among the community. Further, having received and reviewed the written report of two members of this assembly, who pursuant to the resolution of 1 February last were commissioned to examine the trade books, as well as a report from the Honourable Head Administrator David Kellij concerning the debtors, the outstanding accounts, and the creditors found upon the closing of the trade books of the year 1767/1768, it was approved and resolved to insert those reports into this resolution and to grant such disposition on each matter as is noted in the margin for each entry. To the Right Honourable Christian Lodewijk Senff, Governor and Director of the Malabar Coast, etc., etc., together with the Honourable Political Council. Right Honourable Sir and Gentlemen. The undersigned, having been commissioned in the Council on the first of February last to examine the trade books of this government for the year 1767/1768, have the honour to report to your Honours: That they have examined the said books with all attention according to the contents of the extract resolutions taken in the Council of India on 30 July and 19 October 1753, and have discovered the following differences, namely: Land Salaries. At this Main Office: ƒ 172:16:— debited more in the trade books than in the salary books, debited to this account on account of the bonus granted to two European drillmasters of the two companies of Easterners who are stationed here. Marginal Disposition: This amounting to improper salaries and debited to land, it must in the future be written off to ordinary expenses, as a resolution to that effect was already taken on 14 March last. That in the trade books 19 pieces of coffins were written off at ƒ 36:5:—, and in the salary books only 17 pieces debited at ƒ 39:15:—; 19 pieces being also entered in the account of the Timber Yard remaining at the Trade Office, and the other 2 pieces were not debited in the salary books because the deceased, according to the statement of the salary clerks, had no balance remaining in their accounts. Marginal Disposition: As the books are already closed and this difference consequently cannot be redressed, it is approved to leave it as it is for this time; but for the future to instruct the salary bookkeeper to ensure that the sick in the hospital retain at least enough credit so that the coffins can be properly debited. In the Books of Chettua: ƒ 58:10:— written off there as salaries more than the receipt rolls received here indicate. Marginal Disposition: To have these ƒ 58:10:— paid back into the treasury by the officials of Chettua. In the Books of Cannanore: ƒ —:8:— entered there according to the monthly accounts less than was disbursed in salaries. Marginal Disposition: To leave it to the account of the servants of Cannanore and Quilon. In the Books of Quilon: ƒ —:6:8 as above. Cranganore.
Dutch transcription
602 433. Dingsdag den 11 April 1769: besluijt twee andere Compag„ teversoeken ter verruijling der hier zijnde een kleene muntspetie konde ontslaagen, en van andere voor„ sien worden. Waar over gedelibereert zijnde, is op de pro„ positie van den Heer gouverneur alverder goedgevonden bij meerm: thans aftegaane rescriptie Haar Hoog Edelheedens te nier oosterlingen van batavia versoeken, bij eerst voorkomende scheeps occasie dit guarnisoen tewillen voorsien met twee andere Compagnien oostersche militairen, in steede van de geene die hier beschijden zijn en na Batavia zul„ „len gesonden werden; En dewijl Den Heer gouverneur de leden verder kennisse gaf, dat zijn Edele van ter zijden g'informeert geworden, dat groot gebrek aan basseroeken hier groot gebrek is aan een zeker klijne muntspetie bekent onder de Naam van Bazeroeken zijnde een mengsel van Thien en lood:/ egter zeer Noodsaekelijk tot gerief van 't gemeen, dog wel voorna„ „mentlijk 769 ue hee„ le en en rts ke„ as en Dingsdag den 11:' April 1769. besluijt daar van zoo veel te„ en van batavia 4000. rd=s aan duijten„ mentlijk arme en geringe menschen, zoo was zijn Edele dierhalve van gevoelen; dat de gemeente in dit stuk behoorde tewer„ den tegemoed gekomen, en vermits de leden daaromtrent met zijn Edele al„ „mede van een gevoelen waaren, is ins„ gelijks verstaan zoo veel van die klijne „laten giaeten als noodig zal zijn muntspetie telaaten gieten, als noodig zal werden g'oordeelt tot algemeen ge„ rief van de gemeente en goede ingesee„ tenen zoo binnen als buiten deese stad, zoo meede om bij de thans ingereedheijt gebragt werdende generale Rescriptie Haar Hoog Edelheedens te versoeken ons bij eerst voorkomende scheeps occasie tewillen laaten toekoomen vier Dui„ en 600 rd=s aan paijement te versoeken send Rijksdaalders aan Duijten en ses Duijsend Ryksdaalders aan paije„ „ment, waar onder vier Duijsend Rijks„ daalders aan dubbeldjes, om eens wederom 603 435 Dingsdag den 11:' April 1769. omtesien of men deselve in steede van fanums kan gangbaar maken wegens de visitatie der negotie boeken. ege daar bij lopende debiteuren wederom een proef teneemen of die munt spetien hier zullen kunnen gangbaar werden gemaakt, insteede van fanums, welke munt niet alleen in zig zelven slegt is maar ook bereeds tot veelderhande ver„ „schillen onder de gemeente aan„ leyding heeft gegeven Wijders ingekomen en geresumeert zijnde het schip schriftelijk be„ „rigt van twee leden deser verga„ dering, die volgens besluijt van den 1ten februarij jongstleden zijn resumptie der ingekomen rapporten gecommitteert tot de visitatie der Negotie Boeken, zoo mede een berigt van den E: Hoofd administrateur David Kellij wegens de debiteuren, de ten ag„ „teren staande reekeningen en de Credi„ teuren bij het sluiten der Negotie Boe„ „ken van Ao 176/30 bevonden, zoo is goed„ „gevonden Dingsdag den 11: April 1769. dispositie daar op gevallen voor ieder post in margine gestelt insertie van de Rapporten gevonden en verstaan die berigten bij dit besluit te Insereeren en op het een en ander soodanige dispositie te verlee„ „nen als in margine voor ider post bekent staat, Aan den wel Edele Agtbare Heer Christiaan Lodewijk Senff gouverneur en Directeur ter Custe Mallabaar &: W: beneevens den E. Politicquen Raad Resolutoire Dispositien op het Neven„ staande Berigt Wel Edele Agtbare Heer in Margine en Heeren. gesteld, en genomen D'ondergeteekendens den Eeersten feb=r In Raade laatstleden in Rade gecommitteerd van Cochim zijnde, tot de visitatie der Negotie op Boeken deses gouvernements de Dingsdag den 11: anno 1736/8: hebben d' Eere uwel Edele April A:o 1769: Agtbares van Rapport te dienen, dat e 644. 437 Dingsdag den 11: April 1769. dat zij gemelte boeken na den in„ houd van d' Extract Resolutien geno„ men in Rade van Jndia op den 30: Julij en 19: october 1753: met alle oplettentheijd gevisiteerd, en de hier ondervolgende differenten hebben ontdekt Namentlijk Zoldijen aan Land Ten deesen Hoofd Comptoire ƒ172:16:— meerder bij de Negotie Dit bedraagen oneijgen zoldij„ „en en aan land ten lasten dan bij de zoldij boeken ten lasten gebragt zijnde, moet in den deeser reekening afgeboekt wee„ aanstaande komen op on„ kosten ordinair, zoo als daar„gens het toegelegde douceur aan toe ook bereeds den 14: Maart twee Europeese Dailmeesters van Jongstleeden een besluijt de twee Compagnien oosterlingen, is genoomen. die alhier bescheijden leggen. Dewijl de boeken bereeds Dat er bij de Negotie Boeken geslooten zijn en dit dif„ zijn afgeschreeven 19: p:s Dood ferent bij gevolg niet ge„ redaesseert kan werden, zo kisten met ƒ 36:5:— en bij de vind men goed het selve zoldij boeken maar 17: Ditos voor met ns 7 feb=r nen, Dingsdag den 11: April: 1769: Deeze ƒ58: 10:- door de Be„ weder in Cassa telaaten tellen, reekening der bediendens van Cananoor en Coilan telaaten. voor deeze keer zodanig met ƒ39:15:—. belaste, zijnde bij de telaaten, dog voor den aan„ Reekening van de Houthuijn, op staande den soldij boekhouder te gelasten, om zorge tedra„ 't Negotie Comptoir berustende gen, dat ten minsten de zie„ ook 19: p:s opgebragt, en d' andere ken in 't hospitaal zoo veel te goed houden, dat de 2: p:s bij de zoldij boeken niet be„ Doodkisten Behoorlijk last om dat d'overleedenene na belast kunnen werden opgave der zoldij bediendens op hunne Reekenings niets tegoed hadden staan. Bij de Boeken van Chettua ƒ 58: 10: aldaar meerder ten lasten diendens van Chettua van soldijen afgeschreeven als de alhier ontvangen quitantie Rollen dicteeren. Bij de Boeken van Cananoor ƒ—. 8: - aldaar volgens maand Reeke nings minder opgebragt, als aan zoldijen verstrekt is Bij de Boeken van Coilan ƒ—. 6:8. als Even Dit een en ander voor Cranganoor
English
605 439 Tuesday the 11th of April 1769. should be done, it is deemed proper to recommend most earnestly to the Trade and Pay Bookkeeper the thorough examination thereof, so that this assembly in future may be spared the trouble of deciding on such trivial matters. Cranganore These ƒ 18:— to be paid back into the treasury by the Resident at Cranganore, as ƒ 18:— more was entered on the receipt than the garrison members had due in wages, which originated from an erroneous calculation of the wages, in which some were raised. However, since all the aforementioned discrepancies of the subordinate offices can very easily be avoided, or at least quickly redressed, if only the receipt rolls are promptly recalculated and checked against the monthly specifications. That they furthermore have nothing to remark and have found the books in good order. This is only noted beforehand to be kept, as the same is dealt with more extensively in the balance sheet. Furthermore, they have the honor to show clearly below how much the expenses in this financial year have amounted to, as: Wages on land ƒ 102062: 9: — Ordinary rations „ 51281: 2: — Ordinary expenses „ 35783: 17: 8 The Hospital „ 3324: 2: — Carried forward ƒ 193256: 10: 8 Tuesday the 18th of April 1769. Brought forward ƒ 193256: 10: 8 Lastly, it being taken into consideration that the inspection has been accomplished and this report comes to hand after the trade books have already long been closed, and that this is not only very improper, but also contrary to order: Native servants' monthly wages „ 8655: —: — Condemnation and Confiscation „ 1497: 8: 8 Carpentry and Repair „ 2044: 19: — Fortifications „ 3506: 4: 8 Expenses of Sloops etc. „ 12985: 18: — Expenses of Ships „ 3488: 15: — Ship wages „ 1398: 1: 8 Account of Interest „ 2717: 13: 8 Expenses of Merchandise „ 3536: 12: — Account of Gifts „ 680: 6: 8 Extraordinary expenses „ 10203: 12: 8 Sum ƒ 244008: 14: 8 it is further resolved to order the Trade Bookkeeper in future, before the closing of the books, to request commissioners for the inspection, so that there may be an opportunity to redress the discrepancies that might sometimes be discovered still in those same books, as it is otherwise very difficult, and sometimes entirely impossible. And when the same are compared against the previous year, it appears that this financial year they amount to ƒ 51251: 6: 8 less than the preceding financial year, see an account prepared thereof and submissively appended hereto. 606 441 Tuesday the 11th of April 1769. Thus done, ordered, and set in the margin on the day, month, and year aforesaid. Was signed: C: L: Senff, D: Kellij, I: H: Medeler, P: v: d: Sleijden, H:k Notermans, S: C: Saffin, I: L: v: Spall, and A: R: Schutz. With this our performance we hope to have fulfilled the commission assigned to us to the satisfaction of Your Right Honorable, and we have the honor to be, with all due respect and high esteem. Was signed below: Right Honorable Sir and Sirs, Your Right Honorable's very obedient and humble servants. Was signed: P:s v: d: Sleijden and I: L: v: Spall. In the margin: Cochin, the 14th of April 1769. Account of the general expenses of this Coast of Malabar, extracted from the Trade Books of the year 1767/8. Tuesday the 11th of April 1769. Anno 1767/8 More / Less Wages on land Anno 1766/7 ƒ 143774: 12: — 1767/8 „ 102867: 9: — / ƒ —: —: — / ƒ 40907: 3: — Ordinary rations 1766/7 „ 55711: 6: 8 1767/8 „ 51281: 2: — / „ —: —: — / „ 4430: 4: 8 Ordinary expenses 1766/7 „ 38263: 1: 8 1767/8 „ 35783: 17: 8 / „ —: —: — / „ 2479: 4: — The Hospital 1766/7 „ 3572: 13: 8 1767/8 „ 3324: 2: — / „ —: —: — / „ 248: 11: 8 Native servants' monthly wages 1766/7 „ 9122: 17: 8 1767/8 „ 8655: —: — / „ —: —: — / „ 467: 17: 8 Account of Condemnation 1766/7 „ 1221: 7: 8 1767/8 „ 1497: 1: 8 / „ 275: 14: — / „ —: —: — Carpentry and Repair 1766/7 „ 2114: 18: — 1767/8 „ 2144: 19: — / „ 30: 1: — / „ —: —: — Fortifications 1766/7 „ 4502: 15: — 1767/8 „ 3506: 4: 8 / „ —: —: — / „ 996: 10: 8 Expenses of Sloops and lesser vessels 1766/7 „ 16970: 18: — 1767/8 „ 12915: 18: — / „ —: —: — / „ 4055: —: — Expenses of ships 1766/7 „ 2130: 6: 8 1767/8 „ 3488: 15: — / „ 1358: 8: 8 / „ —: —: — Ship wages 1766/7 „ 989: 3: 8 1767/8 „ 1398: 1: 8 / „ 408: 18: — / „ —: —: — Account of Interest 1766/7 „ 2924: 8: — 1767/8 „ 2717: 13: 8 / „ —: —: — / „ 206: 14: 8 Expenses of Merchandise 1766/7 „ 449: 1: 8 1767/8 „ 3536: 12: — / „ 3087: 10: 8 / „ —: —: — Carried forward ƒ 5560: 12: — / ƒ 3791: 5: 8 607 443 Tuesday the 11th of April 1769. Anno 1767/8 More / Less Brought forward ƒ 5560: 12: — / ƒ 3791: 5: 8 Account of Gifts 1766/7 ƒ 642: 16: 8 1767/8 „ 680: 6: 8 / „ 38: 10: — / „ —: —: — Extraordinary expenses 1766/7 „ 12862: 15: 8 1767/8 „ 10203: 12: 8 / „ —: —: — / „ 2659: 3: — ƒ 5199: 2: — / ƒ 6450: 8: 8 The increases and decreases total: the smallest increase deducted from the largest decrease leaves „ 5199: 2: — thus it appears that the general expenses of this Coast in the financial year 1767/8 are less than in Anno 1766/7 by ƒ 51251: 6: 8. Cochin, the 10th of April Anno 1769. Was signed: I: v: d: Sleijden and I: L: v: Spall. Resolutory Orders on the adjoining Report etc. etc. To the Right Honorable Sir Christiaan Lodewijk Senff, Governor and Director of the Coast of Malabar, together with the [illegible]
Dutch transcription
605 439 Dingsdag den 11:' April 1769. werden, zo vind men goed den Ne„ gotie en zoldij boekhouder de vol„ aantebeveelen op dat deeze ver„ gadering in den aanstaande be„ „om over diergelijken klijnighee„ Cranganoor Deeze ƒ 18: door den Resident te ƒ-18:— meerder opgebragt bij qui„ Cranganoor weder in Cassa te „tantie als de bezettelingen aan laaten tellen, Maar aangesien alle voormelte zoldijen hebben te goed gehad, verschillen der subalterne Comp„ zijnde oorspronkelijk door toiren zeer gemakkelijk te ver„ „mijden, of ten minsten spoedig te eene quade uijtreekening van redresseeren zijn als maar de quitantie Rollen spoedig nage„ de gagies, waar in Eenige ver„ „reekent, en teegens de maande„ „lijxe specificatien geconfronteert hoogd zijn. „bringing daar van op 't ernstigste Dat zij voorts niets te remaa„ „vaijd mag blijven van de moeijte, queeren en de Boeken wel E den besluijten teneeneen bevonden hebben Dit alleen vooraangeteekent Verders hebben zij d' Eere hier onder distinct aan te tonen hoe veel delasten in dit boekjaar hebben gemon„ teerd als zoldijen aan land. Randsoenen ordinair. . . . „ 51281: 2: — onkosten ordinair 'T Hospitaal „ 3324:2:— Transporteere ƒ193256:10:8 ƒ102062 9. — „ 35783:17: 8. tehouden dewijl het selve bij de staat Reekening breeder verhandelt staat voor Dingsdag den 18:' April 1769. P=r Transport ƒ193256:10:8. Laatstelijk nog in aanmer, Inlandse dienaars maand gelden „ 8655:—:— king genoomen zijnde, dat Condemnatie en Confiscatie . „ 1497: 8:8 de visitatie volbragt is en dit berigt te binnen komt, simmeragie en Reparatie „ 2044:19. — . na dat de negotie boeken fortificatien - „ 3506: 4:8 bereeds lange afgeslooten zijn, en dat dit niet alleen onkosten van Chialoupen enz: „ 12985:18. — zeer meijgen is, maar onkosten van scheepen - „ 3488: 15:— ook tegens de ordre strijdt: zoo werd nog geresolveerd, scheeps zoldijen „ 1398: 1: 8. den Negotie boekhouder Reekening van Jntresten. . . . „ 2717: 13: 8. te gelasten, In den aan„ staande voor 't sluijten onkosten van Coopmansz. „ 3536:12:— der boeken, gecommit„ Reekening van schenkagie „ 680: 6:8. „teerdens tot de visitatie onkosten Extra ordinair „ 10203: 12: 8. te versoeken, ten eijnde er gelegendheijd mag Somma ƒ244008:14:8. wesen, de verschillen En als dezelve teegens de voor die somtijds ontdekt mogten werden, nog bij jaarige werden vergeleeken, die zelfde Boeken tekun„ zoo blijkt dat z' dit boek„ nen redresseeren, dewijl het anders zeer beswaar, Jaar ƒ 51251: 6:8: minder bedaa„ lijk, en somtijds in 't ge„ heel ondoenelijk is. „gen, dan het boekjaar bevoorens, vide een daar van gemaakt, en deezen in alle Eerbied bijge„ voegt vertoog. Met 606 441 Dingsdag den 11: April 1769: Aldus gedaan ge„Met deeze onse verrigting hoopen wij aan disponeert en in d' ons opgelegde commissie ten genoe„ Margine gestelt, ten dage Maand en „gen van uwel Edele Agtb:s voldaan Jaare voormeldt /was„ te hebben, en geeven ons d' Eere getver:/ C: L: Sinff, D: Kellij, I: H: Medeler, met alle verschuldigde Eerbied P: v: d: Hleijden, H=k en Hoog agting te sijn /:onderstond/ Notermans, S: C: Saffin, I: L: v: spall, wel Edele Agtbare Heer! en en A: R: Schutz, Heeren uwel Edele Agtbares zeer gehoorsame en onderda„ nige Dienaren /:was getver:/ P:s v: d: Sleijden en I: L: v: spall /inmargine:/ Cochim den 14: April 1769: vertoog Der generale Lasten deser Custe Mallabaar getrokken uijt de Negotie Boeken van den Jaare 1767/8. zoldijen 8. 8. 14:8. „ Dingsdag den 11: April 1769: Zoldijen aan land Randsoenen ordinair onkosten ordinair 'T Hospitaal Inlandse Dienaars maandgelden Reekening van Condemnatie simmeragie en Reparatie Fortificatie onkosten van Chialoupen en mindere vaartuijgen onkosten van scheepen scheeps Zoldijen Reekening van Jnteresten onkosten van Koopmansz - 176/3„ 16970:18:— 176 6/8„12915:18. -„ –. - . „ 4055: —: — 176 1/8: „ 2130: 6:8: 17678„ 3488:15:—„ 1358:8:8„ 176 6/8 „ 989: 3: 8. 176 5/8 „ 1398: 1:8„ 408:18.— —. —. — 176 5/½„ 2924: 8: —„ 176 5/8„ 2717:13:8„ —: —. -„ 206:14:8 176 7/8 „ 449: 1:8. 176/80„3536:12:— „ 3087:10:8„ —. —. — Transporteere. ƒ5560:12:—ƒ3791: 5: 8 —. —. — A:o 176 5/8: meerder Minder Anno 176/3 ƒ 143774:12:— 176 5/8 „ 102867: 9:—ƒ—. —. — ƒ40907:3:— 176 5/8 „ 55711: 6:8: 176 5/8 „ 51281: 2:—„ —: — —– „ 4430: 4:8 1761/3„ 38263: 1: 8: 176 57/8 „ 35783:17:8„ —: — —„ 2479: 4:— 176 6/3 „ 3572:13:8. 176 7/8 „ 3324: 2:—„ —. –. – „ 248:11:8. 176½: „ 9122: 17: 8: 176 7/8„ 8655: —:–„ —. –. –„ 467:17:8 176 5/58 „ 1221: 7:8. 176 7/8 „ 1497: 1:8: „ 275:14:—„ 176 5/3. „ 2114:18. -. 176 7/8„ 2144:19:—„ 30: 1:– 17678„ 4502:15:— 176 7/8 „ 3506: 4:8„ —:—:-„ 996:10:8 . —. —. — —. —. — E 607 443 April 1769 Dingsdag den 11: Anno 176/8. Meerder Minder ƒ5560:12: ƒ3791:5:8. P„r Transport 176 2/5 ƒ 642:16:8. Reekening van Schenkagie 176 1/8: „ 680: 6:8:„ 38: 10. —„ 176/8„ 1262:15:8. onkosten Extra ordinair 1767/8„ 10203:12:8„ -. -. - „ 2659:3:— ƒ5199:2: —ƒ6450:8: 8: De Meer en minderheeden Jellen het minst Meerdere, van het meest mindere afgetrokken met zo blijkt dat de generaele lasten deser Custe in het boekjaar 17657/8. minder zijn dan in Anno 1766/7: ƒ51251:6:8 Cap Cochim den 10: April Ao 1769. /was getver:/ I: v: d: Sleijden en I: L: v: Spall. Aan den wel Edele Agtbare Heer Christiaan Lodewijk Senff gouverneur en Directeur op het Nevens„ ter Custe Mallabaar Benevens den Resolutoire Dispositien „taande Berigt &:a &:a „5199: 2:— in 8 17:8 „ 198 —. — — —. — 44 8 55: 8 E: -
English
Tuesday, 11 April 1769. Honourable Political Council: Noted and resolved in the margin. Right Honourable, Worshipful, Generous Lord and Lords! In the Council of Cochin, on Tuesday, 11 April Anno 1769. The undersigned Chief Administrator serves, in accordance with the duty of reporting, that at the closing of the trade books of this Castle for Anno 1767/8, the Debtors, the Outstanding Accounts, and the Creditors consisted of the following, namely: The Debtors The King of Cochin Although this debt is somewhat reduced yearly through the tolls and other revenues mentioned alongside, it is nevertheless deemed proper on all occasions to urge the king in the most emphatic manner to discharge a significant amount beyond this as well. For cash and ammunition goods received, to be settled with the tolls: ƒ 6650: 11: — On His Highness's lands at Baypin, namely Coesij Pallij and Narika, whose revenues both in money and nelly are withheld yearly: 22500: —. ƒ 29150: 11: — To be carried forward 608 445 Tuesday, 11 April 1769 Brought forward ƒ 29150: 11: — The King of Zamorin Regarding this backlog, as written to the Zamorin as appears from the recorded resolution of 29 March last, it is understood that this matter shall now be kept active and a complete settlement urged. For what he still owes on the peace treaty: 14459: 4: 8. For this, the rights of that prince in the land of Payencherij Nayro are sequestered, and the revenues thereof collected at Chettua, which are then booked here to the credit of this entry: 24000: –. – The Islets of Moetoe Coenoe Since the account of the Zamorin has been credited for this amount and these islands have been acquired from him in ownership for the Honourable Company, it is resolved to instruct the trade bookkeeper no longer to place them on a separate account, but henceforth to let them continue under the balances, like other lands of the Honourable Company. Being acquired in the year 1762 from the Zamorin in reduction of his debit, the revenues of which are collected at Cranganore to the amount of 743¼ paras of nelly and ƒ 307: 2: 8 in cash. Carried forward ƒ 67609: 15: 8. Tuesday, 11 April 1769. Brought forward ƒ 67609: 15: 8 The Delivery of Pepper This account, as appears from the Resolution of 20 January last, having already been settled down to a small amount of Rop:s 724 1/70, it is understood merely to keep note thereof, as well as: That this has already been settled. And By the King of Travancore, for what His Highness is in arrears thereon: ƒ 41298: 3: — For which 360243 lb of pepper have already been delivered up to 3 November 1768, according to the closed current account on 19 January 1769. The Delivery of Guinees and Salempooris For what has been advanced thereon: ƒ 7500: — This amount has, according to the decision of 5 January 1769, been reimbursed into the treasury by the Jewish merchant Ezechiel Rabbij. Carried forward ƒ 116407: 18: 8 609 447 Tuesday, 11 April 1769. Brought forward ƒ 116407: 18: 8 That the under-mentioned Stephanus van Zuijlen, Bookkeeper and former Resident of Paponetty, for his debit to the amount of ƒ 4368: 4: —, to whom respite until the end of August 1769 was granted by Council resolution of 10 November 1768, as appears from the Journal of 1767/8, page 197, where this debit is described in its substance: is likewise to obtain his settlement by the end of August next. Total ƒ 120776: 2: 8 The Outstanding Accounts consist of the following: In like manner it is found proper further to note: Lease monies of the leased gardens and lands: ƒ 19464: 12: —. These are collected yearly by the end of December. That the lease monies are to come in in due time. And Expenses of pepper: ƒ 288: 19: 8. This has already, per invoice of 15 October, That, just as the expenses of pepper and Ceylon the Government 15 October Tuesday, 11 April 1769. have already been settled by charging, last per the sloop Johanna Cattharina to Gale, been charged. so also the backlog on the Toll account is likewise to be charged at the first opportunity. Account of Toll: ƒ 60: 4: 8. This was inadvertently omitted to be charged to the said Commandment. Ceylon the Government: ƒ 7: 9: 8. This has already, among other things, been charged to the said Commandment by the cited invoice. Surat the Directorate: ƒ 52: 10: —. Paid on 15 November 1767 by the former shopkeeper Van der Grijp to the English captain of the ship The Sutherland, John Thaland, this being what was claimed from him on 17 September prior by the Company's broker at Muscat named Narretton, for what he That Surat the Directorate should continue to be carried with ƒ 52: 10: — until the pleasure of Their High Excellencies in this regard has been obtained. had 600. 449 Tuesday, 11 April 1769: advanced to the sailor Piet van Lie who arrived there from Carreek; and since the said Van Lie, as appears from the certificate granted by the quartermaster Theunis Jansen, remained at Surat, that amount was, among other items, charged to that Directorate by invoice of 3 December 1767, but by that administration, per invoice under the end of January following, charged back again to this Commandery, and subsequently, by order of the former Commander Breekpot, booked to this account subject to the honoured disposition of Their High Excellencies. And the Creditors consist of the following: The Orphan Chamber of this town: ƒ 32550: 3: —. Being the capital that is ongoing with the Honourable Company against the interest of 4½ per cent per year, amounting to Rop:s 21700: 1/10. To be carried forward.
Dutch transcription
Dingsdag den 11: April 1769. E. Politicquen Raad: in Margine ge„ steld en genomen wel Edele Achtbaare welge„ biedende Heer en Heeren! In Raade van Cochim op Den ondergeteekende Hoofd adminis„ Dingsdag den trateur dient naar gehoudenisse 11: April Ao 1769. van Berigt, als dat onder het sluij„ ten der Negotie Boeken, dezer Caste van A=o 1767/8. de Debiteuren, De ten agterstaande Reekeningen en de Crediteuren, in de navol„ gende hebben bestaan Namentlijk, De Debiteuren Den Koning van Cochim Alhoewel deeze schuld, door de over genootene Contanten en Ammuni„ „ om thollen en andere ter zijden tie goederen met de thollen verEevent gemelte Jnkomsten Jaarlijks iets vermindert werd, zo vindt tewerden - - - - ƒ 6650: 11: — men egter goed, bij alle gelegend„op zijn hoogheijds lande„ „heeden den koning op de aller rijen te Baijp in name„ „kragtigste wijze aantemanen lijk Coesij pallij en Narika, 22500: —. ƒ 29150:11:— om buijten des nog een merke„ welkers inkomsten zoo aan geld „lijk bedraagen afteleggen als Nelij Jaarlijk ingehouden werd Die Transporteere 608 445 Dingsdag den 11: April 1709 effening aan te dringen, „ 24000: –. – P=r Transport ƒ29150:11:— Den Koning van Sammorijn over dit agterstal, blijkens over 't geen denselven op het vree„ het aangeteekende ter Re„ dens fractaat nog tekwaad blijft 14459: 4: 8. solutie van den 29: Maart jongstleden aan den sa„ Hier voor werden de geregtigheeden morijn geschreeven zijnde van dien vorst in 't land van zoo werd verstaan deeze saak als nu levendig tehouden Paijencherij Naijro geseques„ en op eene Compleete ver„ treert, en de inkomsten daar van te Chettua ver„ gaard, die dan alhier ten voordeele deser post ge„ boekt werden. De Eijlandjes Moetoe Coenoe„ Dewijl voor dit bedraagen de reekening van den sam zijnde in den Jaare 1762: morijn gecrediteert is en deeze Eijlanden van hem van den sammorijn voor de E Comp: in Eijgendom in mindering van des„ overgenomen zijn, zo resol„ „veert men den Negotie boek selfs debet overgenomen „heuder tegelasten, dezelve niet waar van de Jnkomsten ten meer op eene aparte reeke„ ning te stellen, maar voortaan bedraage van 743¼: par„ onder de restanten, gelijk ras Nelij en ƒ307:2:8: aan andere landerijen van de E Comp: te laaten voortloopen Contanten te Cranganoor ingevordert werden. Transporteere ƒ 67609:15: 8. 69 ste tlijk „ ent 50 11: — Dingsdag den 11:' April 1769. Dat deeze bereeds vereffent is. En P:r Transport ƒ67609: 15: 8 De Leverantie van Peper Deeze reekening blykens Door den koning van pevancoor Resolutie van den 20: Janu„ „arij Jongstleeden tot op over het geen zijn hoogheijd een gering bedraagen daar op ten agteren heeft van Rop:s 724 1/70: bereeds „ 41298:3:— veressent zijnde, zo werd gestaan. verstaan daar van eenelijk aanteekening tehouden Waar voor tot den 3den Novem„ ber 1760: bereets 360243: lb: zo wel als Peper geleverd zijn, vol„ „gens de gesloote reeke„ ning Courant op den 19=den Ianuarij 1769:— De Leverantie van guinees en Salempooris over 't geen daar op verstrekt - - - „ 7500:— is geweest. - Dit bedraagen is volgens be„ sluijt van den 5=den Januarij 1769: door den Joods Koop„ „man Ezechiel Rabbij in Kassa gerembourseerd. Transporteere ƒ1640718: 8 609 447 Dingsdag den 11:' April 1769. ultimo Augustus aanstaande insgelijks hun vereffening staat te erlangen goed alverder te noteeren. Dat, gelijk de ongelden van P„r Transport ƒ116407: 18: 8:— Dat de ter zeijden gemelte onder Stephanus van Zuijlen Boekhouder en geweesen Paponettijs Resident over zijn debet tot „ 4368: 4: aan wien bij Raads besluijt van den 10: 9ber: 1768: Respijt tot ultimo Aug:s 1769: is ver„ „leend, blijkens Journaal van 176 5/8. pag: 197: alwaar desen debet, in desselfs sub„ stantie beschreeven is— Somma ƒ120776:2:8 De agterstaande Reekeningen bestaan in de volgende Ingelijker voegen vind men Pagt penningen van de verpag„ „te thuijnen en landerijen sijn tijd te binnen staan ƒ19464: 12:–. deser worden on„ der ultimo December jaarlijks ingevordert ongelden van peper ƒ 288: 19:8: dit peper en Ceijlon 't gouverne is reets per factuur van den Dat de pagt penningen op te komen. En „ment 15 october - 18. 8 Dingsdag den 11: April 1769. Dog 15: october pass:o per de Chialoup ment bereeds veressent zijn door aanreekening Johanna Cattharina gale zoo ook het ten agteren aangerekend staande op Reekening van Thol insgelijks bij Reekening van Tholl ƒ 60: 4:8., eerste gelegentheijd staat deese is abusivelijk versuijmd aangereekent tewerden. om gem: Commandement aan„ tereekenen. Ceijlon 't gouvernement ƒ7:9:8: dit is reets onder meer bijgeci„ teerde factuur almeede gedagte Commandement ten laste gebaagt Dat souratta de directie Souratta de Directie ƒ52:10:— door met ƒ52:10:- dient te blij„ den geweesen winkelier van der ven voortloopen, tot dien aangaande Haar Hoog grijp den 15=den November 1767: aan Edelens goedvinden den Engelsche Capitain van 't is erlangt schip Tasutherland John Thaland betaald, zijnde zulks het geene door hem op den 17den september bevoorens aan de te Musquette zijnde 'sComp:s Make„ „laar in Name Narretton is afgelangt, voor het geen denselven aan 600. 449 Dingsdag den 11: April 1769: aan de van Carreek aldaar aangekomen mattroos Piet van Lie, heeft verstrekt, en vermits gemelte van Lie blijkens verleende verklaaring door den quar„ tiermeester Theunis Jansen op sou„ „ratta is gebleeven, is dat bedraagen onder meer bij factuur van den 3=den December 1767: die Directie aangeree„ kend, dog door dat ministerium per factuur onder ultimo Januarij daar aan volgende deese Commanderije we„ „der terug gerekent, en vervolgens ter ordre van den geweesen Commandeur Breekpot, ter g'Eerde dispositie van Haar Hoog Edelheedens op deese reekening geboekt. En de Crediteuren bestaan in de volgende De weeskamer deser steede ƒ32550:3:— zijnde 't Capitaal dat bij D' E Comp: tegens den interest van 4½. prC:t Jaars in voortloopende tot Rop:s 21700:1/10 — Die Transporteere 1769. 8. 7: 8: t aan selven
English
Tuesday the 11th of April 1769. Furthermore it was understood to let these creditors continue: Carried forward: Rops:s 21700:10:– The Deaconry poor of this town ƒ24000:–:– in silver fanums, as above: 16000:– Lazarus House ƒ 5280:–:– as above: 3520:– At Coilan the Office New Account ƒ28:19:– being the amount for the collection of stamps which are in cash and paid there to be disbursed again to the Collector here; but it was neglected by the resident chief there to send a bill of exchange for the same hither. However, concerning the Coilang Office, it is to be noted for the information of the Trade Bookkeeper: That the opinion is that a bill of exchange for the sold stamps at Coilang should have been sent hither for the benefit of the Collector; whereas the Lord’s dues, or rather the small stamp account, upon the dispatch of the stamps certainly was already credited and the Coilan Office debited, or at least ought to have been credited and debited, and it is consequently sufficient if the amount of the sold stamps is only properly counted into the cash and accounted for at that place. Yet, in order to settle this difference now and get it out of the books, it was also approved to have the adjacent ƒ28:19:– paid to the collector from the Cash: 19 1/10:– Total Rop:s 41239:1/5:– 451. 611 Tuesday the 11th of April 1769 Report concerning the inspection of the pay books submitted. Thus done, disposed, and entered in the margin on the day, month, and year aforesaid. Was signed: C: L: Senff, D: Kellij, J: H: Medeler, I: v: d: Sleijden, A: Notermans, S: C: Sassin, I: L: v: Spall, and A: R: Schutz. Herewith he takes the liberty, with all veneration, to call himself: underneath was written: Right Honorable, Worshipful, Generous Lord and Lords! Your Right Honorable worships' humble and very obedient servant. Was signed: D Kellij. In the margin: Cochim the 10th of April Anno 1769. As likewise, after reading and resumption taken, it was approved to insert into this resolution the report of the specially appointed members from this Council, who according to the just mentioned resolution of the first of February examined the pay books, as well as to authorize the pay bookkeeper to proceed with the closing of the said books. To the Right Honorable, Highly Worshipful Lord Christiaan Lodewijk Senff, Governor and Director of the Malabar Coast, Canara, and Vingurla, together with the Honorable Council of Policy. Honorable, Highly Worshipful, Generous Lord and Lords. Pursuant to the resolution taken in the Council of Malabar dated the 1st of February last, we, the undersigned, repaired to the Pay Office and there, with the necessary attention, reviewed the pay books which were closed as of the ultimate of August Anno 1768, according to the tenor of the Extract Resolution taken in the Council of India at Batavia dated the 30th of July Anno 1753; in which examination we found that everything charged to pay in the trade books according to the presented warrants and extracts has been properly drawn, distributed, and accounted for in the abovementioned pay books, as is shown hereafter with all respect, namely: At Cochim By the shop book, the disbursements for wages, subsidies, and further, both here and at Paponettij and Porca, amount to ƒ 83581:8:–. The charge of half pay of those who stayed in the hospital during this book year amounts to 1960:10:– The charge of 21 blankets: 118:2:8 The same for 17 pieces of coffins: 53:–:– Diverse charges: 1193:3:12 Total: ƒ 6906:4:4 To the Orientals here: The disbursed pay amounts to ƒ 23456:8:12 Half pay consumed in the hospital: 1237:6:8 On account of 204 feet of mango planks and 5 pieces of Malabar linen for 5 deceased persons: 53:19:– 612 453. Tuesday the 11th of April 1769. At Cannanoor The disbursed pay to the Europeans and mixtics amounts to ƒ 9840:2:– Hospital charge: 167:10:– The same for 2 coffins: 9:12:– Total: ƒ 10017:4:– To the Orientals stationed at Cananoor: The disbursed pay amounts to ƒ 734:5:– For hospital expenses: 6:25:– Total: 741:–:– At Coilan The disbursed pay to Europeans and mixtics amounts to ƒ 7199:8:– For hospital expenses: 158:15:– One piece of coffin: 4:16:– Charge for a bayonet: –:10:– Total: 7363:9:– At Chettua The disbursed pay to the garrisons there amounts to ƒ 6352:12:– Charge for a coffin: 2:16:– Total: 6355:8:– At Cranganoor The disbursed pay there amounts to this book year: 4264:6:– Furthermore, it did not appear to us that anyone runs into arrears per balance due to excessive disbursements here; likewise we accurately inspected and compared the inventory and auction roll of the sailmaker Dirk Everwijn van der Vis of Amsterdam, who died on the ship Vreeden Lust, which estate was undertaken and sold by the Curator Ad Lites here, found by us to have been handled in conformity with the orders of the High Government of Batavia contained and established on the 27th of April and 29th of June Anno 1694, the amount after deduction of the incident expenses having been counted into the Company's petty cash with a sum of ƒ 349:9:– according to the warrant shown to us thereof dated the ultimate of August past, which the Cashier has duly receipted for the receipt of those funds. Wherewith we hope to have accomplished
Dutch transcription
Dingsdag den 11: April 1769. voorts werd verstaan deeze crediteuren telaaten voortloopen P=r Transport Rops:s 21700:10: De Diaconij armen deser steede ƒ24000:–. – aan fa„ „ 16000:— nums silvere, adidem PLasarus Huijs ƒ 5280:—. — „ 3520:— als boven tot Coilan 't Comptoir Nieu„ Dog nopens Coilang 't Comptoir tot narigt voor den Negotie boek„ „houder te noteeren: Dat het meij-„ we Reekening ƒ28:19:- zijnde „gen is dat van de verkogte zeguls te Coilang een wissel ten behoeve 't bedraagen wegens 't gecol„ van den Collecteur hier zoude zijn herwaarts gesonden; Dewijl sheere ecteerde van de zegels geregtigheijd of eijgendlijk de ree„ die aldaar in Cassa zijn kening van 't klijne zegel, bij versending der zeguls zeeker„ lijk bereeds gecrediteert, en betaald, om alhier aan 't Comptoir Coilan gedebiteert is of ten minsten gecrediteert en gedebiteert hadde moeten zijn den Collecteur weder en het bijgevolg genoeg is, wanneer het bedraagen der verkogte zeguls uytgekeert tewerden, dog daar ter plaatse maar behoorlijk in Cassa geteld en verantwoord: werd door het opperhoofd Dog om dit verschil als nu te ver„ effenen en uijt de boeken te krijgen, aldaar versuijmt, van zoo wierd teffens goedgevonden, de nevenstaande ƒ28: 19:— aan den collecteur uijt de Cassa telaaten dezelve een wissel betaalen herwaarts tesenden 20t 19 1/10:— Somma Rop:s 41239: 1/5: hiermeede 451. 611 Dingsdag den 11: April 1769 rapport wegens de visitatie der zoldij boeken ingedient Aldus gedaan, gedisponeert, Hiermeede gebruijkt hij de vrijheijd zig en in margine gesteld ten met alle veneratie tenoemen /:onderstond:/ dage maand en Jaare voormeld /was getd:/ C: L: welEdele Agtb: welgebiedende Heer, en senff, D: Kellij, J: H: Medeler, Heeren:! uwel Edele Agtbaare onderdanige I: v: d: Sleijden, A: Notermans, S: C: Sassin I: L: v: spall en seer gehoorsaame Dienaar /was„ A: R: Schutz. getekend/ D Kellij /in margine/ Cochim den 10: April Ao 1769. Zoo als insgelijks na genomene lectura resumptie en insertie van het en resumptie goedgevonden wierd bij dit besluijt intelijven het berigt van expresse gecommitteerde leden uit deesen Raade, die volgens even gem: besluijt van primo februarij de soldig Boeken hebben g'Examineert, mits„ gaders den soldij boekhouder te qualificeeren om met het sluiten der gem: boeken voorttevaaren; Aan den wel Edelen groot Agtb Heer Christiaan Lodewijk Senff gouverneur 709 —: — 0: —.— 91/10:— 39 Dingsdag den 10: April: 1769. gouverneur en Directeur der Custe Mallabaar, Coenara en wingurla Nevens Den E. Politic„ quen Raad. Edele, groot Agtb: welgebiedende Heer en Heeren. Ingevolg het geresolveerde, in Raade van mallabaar de dato 1: februarij jo leeden hebbe wij ondergeteekende ons vervoegt op 't zoldig Comptoir en aldaar de zoldij boeken die onder ult:o Augustus Ao 1768: geslooten zijn, na den teneur van 't Extract Reso„ lutie genomen in Rade van India tot Batavia de dato 30: Julij A:o 1753: met de nodige attentie geresumeerd, bij welke Examinatie hebben wij bevonden, dat alles wat ten lasten van zoldijen bij de Negotie boeken. volgens verthoonde ordon 612 453. Dingsdag den 11:' April 1769. ordonnantie en Extracten is afgeschreeven in boven gem: soldij boeken behoorlijk ingetrokken, uijtgedeelt, en verantwoord is, gelijk hier navolgende in aller Eer„ bied werd aangethoond teweeten Te Cochim Bij 't winkel boek bedraagt de verstrec„ king aan gagie subsidie, en wes meer, soo alhier als te Paponettij en Porca ƒ 83581:8:— . De belasting der halve gagie van die geene die geduurende dit boekjaar in 't hospitaal hebben gelegen bedraagt. . . „ 1960:10:— De belasting van 21: Combaarsen „ 118: 2:8. adidem van 17: p:s dood kisten„ 53: —. — diverse belastings. . „ 1193: 3: 12:ƒ6906:4:4 Aan de oosterlingen alhier De verstrekte gagie bedraagt ƒ 23456:8: 12: „verteerde halve gagie in 't hospitaal. - - „ wegens 204: voeten mangus planken, en 5: p:s mallabaars linnen voor 5: overleedene. „ 53: 19. — 261.1. 1237: 6. 8 Tot Dingsdag den 18:' April 1769. Tot Cannanoor De verstrekte gagie aan de Europeese en mixtisen bedraagt ƒ 9840:2:— „belasting van 't hospitaal 167:10:— „ d=o „ 2: dood kisten „ 9:12:— ƒ 10017: 4:— Aan de oosterlingen te Cananoor Bescheijden De verstrekte gagie bedragt ƒ 734:5:— aan hospitaals onkosten 6:25:—„ 741:—.— „ Tot Coilan De verstrekte gagie aan Europeese en mixtisen bedraagt . ƒ7199:8:— aan hospitaals onkosten „ 158:15:— „ Een p:s dood kist 4: 16:— belasting wegens een ba„ Jonets : —: 10:—„ 7363: 9:— . „ Tot Chettua De vertrekte gagie aan de besettelin„ „gen aldaar bedraagt ƒ 6352:12:— belasting van een dood kisten 216:–„ 6355: 8:— Tot Cranganoor De verstrekte gagie aldaar bed:t dit boekjaar „ 4264: 6: Voorts is ons niet te vooren gekoomen dat imand door ruijm verstrecking alhier per zaldo te quaad loopt, soo mede hebben wij nauwkeurig nage„ „zien 613 455 Dingsdag den 11: April 1769. zien en geconfronteerd de Jnventaris en vendu Rol van den op het schip vreeden lust overleedenen zeijlmaker Dirk Everwijn van der vis van Amsterdam, welke boedel door den Curator Adlites alhier is aangevaard en verkogt, door ons bevonden daar meede gehandelt te hebben Conform de ordre der hooge Regering van Batavia op den 27: April en 29: Junij A:o 1694: vervat en vastgesteld, zijnde het montant na aftrek van de daar op gevallene ongelden in 'sComp:s kleene geld Cassa geteld met een somma van ƒ349: 9:— volgens daar van aan ons verthoonde ordonnantie de dato ultimo aug:s passato, welke door den Cassier behoorlijk voor den ontvangst dier penningen gequiteert heeft, Waarmeede verhoopen volbragt te heb„ „ben
English
Tuesday the 11th of April 1769. Desertion of the eastern soldier Pantje Ranbam and sailor Favir. your Honorable Grand Respectable much honored order, so we take the honor to be with the most dutiful respect, was underwritten Honorable Grand Respectable commanding Lord and Lords, your Honorable Grand Respectable humble and obedient servants, was signed: S: C: Saffin and I: L: v: Spall, in the margin, Cochim the 10th of April Anno 1769. Finally, it has also been approved to keep record in this resolution that the eastern soldier Tantje Ranbam of Sourabaija on the 1st and the sailor Johannes Faver on the 7th of this month have deserted from here. Thus resolved and decreed in the Council of Mallabaar in the city of Cochim on the day, month, and year aforesaid. was signed. 614. Tuesday the 11th of April 1769. Letter of recommendation to Tutucorijn regarding the passage of his pepper vessels. was signed: C: L: Senff, D: Kellij, I: H: Medeler, I: v: d: Sleyden, A: Notermans, S: C: Sassin, I: L: v: Spall, and A: R: Schutz. Friday the 21st of April 1769. In the morning at nine o'clock. All Present. The Governor and the members of this assembly having convened at the appointed hour, His Honor opened the meeting by communicating to the members that upon the request of the King of Grevancoor, who, on account of the differences that have arisen between the Honorable Company and the Sheuver Lord, is fearful that the Pamban strait might thereby at times become closed; a letter Trevancoor requests and works 69. 45 Tuesday the 21st of April 1769. servants dispatched in answer to their writings. Letter of recommendation on the 14th of this month was granted to the Tutucorijn servants for his pepper vessels, so that they might not be detained there; A further letter to the Tuticorin servants dispatched, in answer to their letters of the 31st of January, 22nd of February, and 11th of March last, principally tending to answer their submitted complaints regarding the Corporal van der Schaaren stationed at Tengapatnam, of which mention was made in one of the immediate preceding resolutions, as well as Which matters were dealt with therein. regarding the satisfaction of the demand for ducats made by Ceylon and some complaints that have been made to those servants regarding the mistreatment of some Grevancoor merchants 615 459 Friday the 21st of April 1769. military personnel. Dispatch of 5000 rupees to Cananoor and 4000 ditto to Cranganoor. by the Company's cruising vessels in the vicinity of Tutucorijn, as was evident to the members from the letters that were dispatched from here under the aforesaid dates and signed by the same; Furthermore, that on the 16th instant three eastern military personnel, named Intje Carim of Palembang, Bapa Robia, and Sari Laijo of Sourabaija, deserted from here. Desertion of three eastern military personnel. That upon the obtained written advice of the collective members on the proposal of His Honor dated the 17th instant, it was approved to send 5000 Rupees to Cananoor and 4000 Rupees to Cranganoor for the purchase of private pepper, and that the Chief van der Grijp, taking the aforesaid sum with him, again on the 18th 1709 Friday the 21st of April 1769. of Ade Ragia were regaled with a present. departed for the main residency of Cananoor; Furthermore, that the envoys of the Moorish Regent Adij Ragia, having concluded their business here for their master, obtained their dispatch on the 20th following, and on that occasion were regaled with a modest small present to the value of 93 guilders, 16 stivers purchase, and 136 guilders retail price, as can be seen in the following project: Departure of the envoys from there. Project: present for the envoys of Adij Ragia, to wit: Purchase, Sale 5 pieces Double armozines: 90 guilders, 90 guilders, profit 75 guilders 5 pounds Cloves: 1 guilder, 13 stivers, 8 penningen; 21 guilders; profit 17 guilders, 30 stivers 5 pounds Nutmegs: 17 stivers; 12 guilders; profit 10 guilders 2½ pounds Mace: 1 guilder, 5 stivers, 8 penningen; 13 guilders; profit 10 guilders, 50 stivers Sum: 93 guilders, 16 stivers; 136 guilders; profit 113 guilders, 20 stivers Cochim the 20th of April Anno 1769. was signed: D: Kellij 616 461. Friday the 21st of April 1769. Popkensbierg from Calicoilan. Resolution to load therein the pepper and other goods present here and to dispatch to Gale. Thus the one and the other was accepted by the members for communication and the given present was approved; After this, the Governor further communicated to the assembly that the ship Popkensburg returned yesterday from Porca and Calicoijlan and has again appeared here in the roadstead, wherefore it was further agreed to load into that vessel as soon as possible the pepper and other goods still in stock here that are on hand for dispatch to Ceylon, and subsequently to dispatch it back to Gale. Return of the ship Popkensburg from Porca and Calicoilan. And as His Honor further notified the assembly that the Right Honorable Lord Governor of Ceylon, Falk, had requested His Honor by a separate note, on account of apparent scarcity
Dutch transcription
Dingsdag den 11:' April 1769. desertie van den oosterse sold=t Pantje Ranbam en mattroos favir ben uwel Edele groot Agtbare veel g'eerde ordre, soo matigen wij ons de Eere aan met schuldigste Eerbied te sijn /onderstond/ Edele groot Agtbare wel gebiedende Heer en Heeren, uwel Edele groot Agtbaren onderdanige en gehoor„ same Dienaren /was getekend:/ S: C: Saffin en I: L: v: Spall /:inmar„ gine / Cochim den 10: April Ao 1769 Eindelijk is ook nog goedgevenden bij dit besluit aanteekening te houden, dat den oostersche soldaat Tantje Ranbam van sourabaija op den 1=ten en den mattroos Johannes faver op den 7: deser van hier gedeserteert zijn. Aldus geresolveert en gearres„ „teerd in Rade van Mallabaar ter steede Cochim ten Dage, Maand en Jare voormeldt. was get. 614. en Dingsdag den 11: April 1769. voorschrijvens na tutucorijn rej passeering van zijn peper voar„ tuijgen /was getekend:/ C: L: Senff, D: Kellij, I: H: Medeler, I: v: d: Sleijden A: Notermans, S: C: Sassin, I: L: v: Spall en A: R: Schutz. Vrijdag Den 21: April 1769. Smorgens ten Negen uuren Alle Present Den heer gouverneur en leden deeser ver„ gadering ter bestemder uure bij een geko„ „men zijnde, zoo opende zijn Edele de vergadering met deleden te Communi„ „ceeren, dat men op het versoek van den trevancor versoekt en werk ij koning van Grevancoor, uit hoofde van de ontstaane verschillen tusschen De E Comp:s en den sheuver heer bevreest zijnde dat daar door somtijds Pambes engte mogte geslooten raaken; een brief 69. ar arres„ 45 Dingsdag den 21: April 1769. „rijnde bediendens afgevaardigt in vantwoord of hunt schrijvens „handelt zijn brief van voorschrijvens op den 14: deeser aan de Tutucorijnse bediendens voor desselfs peper vaartuijgen verleend heeft, op dat die aldaar niet mogten aangehouden werden; Wijders dat men 'sdaags daar aan een na„ „der briev aan gem: bediendens afgevaar„ een nader brief aan de tutico„ digt heeft, in antwoord van hunne missives van den 31: Januarij, 22: feb:r en 11=ten Maart jongstleden, voornament„ „lijk tendeerende, om te beantwoorden hunne gedaane klagten over den te Jen„ gapatnam Posthoudende Corporaal van derschaaren, waar van in een der naast voorgaanden besluiten gesprooken is, zoo „ van welke materien daar bij ver, mede nopens de voldoening van den „ Cei„ „lon gedaanen Eisch van Ducaaten en eenige klagten, die men aan die bedien„ dens gedaan heeft nopens het mishan„ delen van eenige Grevancoorse Cooplie„ „den 615 459 Vrijdag den 21. April 1769. „tairen versending van 3000: rk na Cana„ noor en 4000: dites na Chranganoor den door 'sComp:s kruissende vaartuijgen om streeks Jutucorijn, gelijk de leden het een en ander gebleeken is uit de brieven, die onder gem: datos van hier afgegaan en door deselve geteekent zijn; Wijders dat op den 16: Courant drie desertie van drie ostersche mili oostersche militairen in name Jntje carim van Palembang, Bapa Robia en sari Laijo van Sourabaija van hier zijn gedeserteert Dat op het ingenomen schriftelijk advis van de gesamentlijk leden op den voorstel van zijn Edele onder dato 17: den Courant goedgevonden is na Cana„ noor Ropias 5000: en na Cranganoor tot den inkoop van particuliere peper 4000: Ropias tezenden, en dat het op„ perhoofd van der grijp, medenemen„ de de voorsz: somma op den 18: weder„ om 1709 na„ aa r„ plie„ Vrijdag den 21: April 1769: van Ade ragia zijn geregaleert met een gesclenk om na de hoofdijen Cananoor vertrok„ ken is; Wijders dat de zendelingen van den Moors Regent Adij Ragia met de zaaken voor hunnen meester hier ge„ vertrek van de sendelingen daar werk gekreegen hebbende, op den 20:ten daar aan hunne depeche hebben erlangt en te dier geleegenheijt gerega„ „leert zijn met een smal geschenkje ter waarde van ƒ93:46:— in, en ƒ136: uitkoops, zoo als bij het ondervolgend project tezien is Project: geschenk voor de afzendelingen van Adij Ragia Teweeten. Inkoops verkoop 5: — p:s Armozijnen dubbelde ƒ 90: —: — ƒ 90:-:pr„o 75: — 5: — lb: garioffel nagulen - - „ 1:13. 8. 21: —. — „ 17:30: 5: - „ Noten Muschaten. . „ —:17:— 12: —. — „ 10:—. 2½: „ foelij of Macis. . „ 1: 5:8. 13: —: — „ 10:50: Somma - ƒ 93:16:—ƒ136: 8 724:13:0: Cochim den 20:' April Anno 1769. /was getve:/ D: Kellij /300 —. 616 4 461: Vrijdag den 21: April 1769. popkens bierg van Calicoilan besluijt daar in de hier zijnde laden en na gale depecheeren Zoo is het een enk ander bij deleden voor communicatie aangenomen en het ge„ daane geschenk g'approbeert; Hier na Communiceerde den heer gou„ verneur de vergadering verder, dat het schip Popkensburg op gisteren van retourneering van het schip Porca en Calicoijlan terug gekomen en wederom hier ter Rheede verschee„ nen is, alwaarom verder verstaan is de hier nog in voorraad zijnde peper en andere goederen meer die men hier peper en andere goederen aften voor Ceilon ter versending aan handen heeft dien bodem ten spoedigsten inte„ geven en vervolgens na gale terug te depecheeren En alsoo zijn Edele de vergadering ver„ der kennis gaf, dat den wel Edelen Agtbaaren Heer Ceilons gouverneur Falk zijn Edele bij een apart briefje had versogt, uit hoofde van apparente schaarsheit 6 69 9: ega„ ƒ van 75 —. 10:50: 113:20. 1769 10:
English
Friday 21 April 1769. Purchase of 150 lasts of rice to be sent to Ceylon together with 200 lasts of paddy. To be shipped with Popkensburg and Aschat. Upon the request of the Governor of Ceylon due to the scarcity of grain, to send one hundred to one hundred and fifty lasts of rice to Gale, if it could be purchased here for about 50 rix-dollars or thereabouts, and His Honour furthermore having produced a written address from the dispenser Dirksz, whereby the same undertakes to deliver on board without any expenses 150 lasts of rice at 50½ rix-dollars or 80 and ¼ rupees per last, it is also approved and agreed, upon the proposal of His Honour, to accept the offer made by the said dispenser, and to load as much thereof into the Popkensburg as that vessel can conveniently carry, and to put the remainder into the following ship, Aschat, together with two hundred lasts of paddy as a trial at the usual sale price of 15 stuivers per parra, Friday 21 April 1769. Decision to sell paddy from the Company's provisions at ½ rupee per parra. in order that the Ceylon ministers might be all the better able to judge from experience to what extent this grain is in demand on Ceylon or not; just as it was furthermore decided upon the aforesaid proposal to authorize the dispenser, in view of the large stock of paddy that is here and is still increasing daily, to proceed with the sale of that grain to the community and local residents here at half a rupee in specie per parra, whereof notice shall be given to him by extract of this for his guidance; The skipper of Aschat requests to be provided with rations. A written petition having been reviewed from the skipper of the Company's ship Aschat lying here in the roads, whereby he indicates that if he must depart from here by the end of this month, there is no more than two months' rations on board for his crew, which is too little to undertake his voyage to Batavia, and therefore requests that he may be granted another month of provisions. Decision to allow one month of rations. It is approved and agreed, because it is beginning to get somewhat late and that vessel will still have to call at Gale, whereby the ship Aschat will at times have a longer than ordinary voyage to Batavia, to cause one month of rations to be provided for the benefit of the crew of the said vessel; Captain Sylvester of the Aschat complains about having to lay aside his sidearm before the Council. Another petition having furthermore been submitted by the aforementioned Captain Silvester, whereby he mainly gives to know that after performing a certain commission, having been summoned before the Council of Justice to take the oath upon the same, his sidearm had on that occasion been demanded from him; but whereto he, having the honour to serve the state of the United Netherlands as a naval captain, had not been able to proceed except under protest, with the request that a record be kept thereof and an extract thereof as well as of the order of Their High Excellencies on that subject be given to him, but that this had been refused to him, whereby he was rendered unable to show on occasion how his conduct had been in that regard, with a request to this assembly that the aforesaid papers might yet be delivered to him; Decision to give notice thereof to Their High Excellencies. According to which order the Council of Justice has conducted itself. Whereupon having been deliberated, it is approved and agreed to send the petition of the said Captain Silvester in original to Batavia, to make mention thereof in the general rescript, and to request Their High Excellencies to satisfy him as They shall be pleased to deem fit, as the Council of Justice here has in that regard complied with the order contained in the letter of 19 November 1751 written by the said High Government to Malabar; Petition of Lieutenant Beeker to obtain the rank of captain-lieutenant will be sent. The lieutenant and commandant at Chettua having presented a petition to the Governor, whereby he solicits Their High Excellencies for the vacant captain-lieutenant's post, it is agreed to send his petition likewise among the annexes to Batavia; Friday 28 April 1769. The orders dictate to abolish the keeping of trade and pay books at the outer stations. The Governor, continuing the proceedings, was further pleased to say that Their High Excellencies, in the marginal dispositions on the secret considerations of the Right Honourable Ordinary Councillor Jan Schreuder concerning Malabar, among others regarding the trade and pay books of the outer stations, were pleased to order that the keeping of trade and pay books at those places be excused, in order thereby not only to manage the extensive paperwork, but also at the same time to prevent the manifold confusions arising therefrom and to [illegible] the trade work.
Dutch transcription
Vrijdag den 21: April 1769. neur om 100: a 150:. lasten rijst inkoop van 150. lasten rijst na Ceijlon versonden werden benevens 200 lasten nely versoek van den Ceijlons gouver-schaarsheit, aan graane hordert â hondert en vijftig lasten rijst na gale tesenden, indien die hier tegen 50: Rd=s of daaromtrent konde werden inge„ kogt, en zijn Edele wijders produceerde een schriftelijk addres van den Dis „pencier Dirksz:, waar bij denselven aan„ „neemt om 150: lasten rijst tegens 50½: Rijkdaalders of 80: en ¼ ropias 't last zonder eenige onkosten aanboord te leve„ „ren, zoo is almeede op de propositie van zijn Edele goedgevonden en verstaan de gedaane presentatie van gem: Dis„ pencier te accepteeren, en daar van Popkensburg integeven zoo veel dien zal met pophensburg en Aschat bodem gevoeglijk laden kan, en het overi„ „ge in het te volgen staande schip Aschat aftesteeken mitsgaders twee hondert lasten Nelij ter preuwe tegens de gewoo„ „ne verkoops prijs van 15: stuijvers de parra 617 463. Vrijdag den 21:' April 1769. „pens teverkopen ½ ro/a de parra„ om randsoenen parra, ten einde de Ceilonse ministers zoo veel tebeter zouden kunnen uit de ondervinding oordeelen, in hoe verre dit graan op Ceilon gewilt is dan niet; zoo als alverder op den voorstel als voo„ „ren g'arresteert is, den Dispencier, mits besluijt nelij uijt scomp:s dus den grooten voorraad van Nelij die hier is en nog daagelijks grooter werd te„ qualificeeren met den verkoop van dat graan aan de gemeente en inge„ seetenen alhier voorttevaaren tegens een halve Ropia in specie de parra en waar van aandenselven bij extract deeses zal werden kennisse gegeven tot zijner Narigt; geresumeert zijnde een schriftelijk Request van den schipper van het den schipper van Aschat versoek alhier ter Rheede leggende sComp:s schip Aschat, waar bij denselven te „kennen geeft, dat indien hij tegens het 709. de is aan„ van Dis„ 3 vrijdag den 21:' April 1769: soere telaten verstrekken het laatst van deese Maand van hier vertrekken moet, er niet meer dan voor twee maanden Randsoen voor sijn onderhebbende equipagie aan boord is, het geen te gering zijnde om zijne reise na Batavia te onderneemen, dierhalve versoek doed, dat hem nog een maand provisie mag werden toegestaan. zoo is uit hoofde het wat laat begint te werden, en dien bodem nog te gale besluijt voor een maand rand, zal moeten aanloopen, waar door het schip Aschat somwijlen een langer als ordinaire reis na Batavia heb„ „ben zal, goedgevonden en verstaan ten be„ hoeve van het scheeps volk van gem: Bodem een maand Randsoen te laaten verstrekken; Door even gem: Capitain Silvester, wijders ingelevert zijnde een ander Request, waar 618 465 vrijdag den 21: April 1769. gewen Capitain van Aschat selvestol beswaart zig over dat zijn zijd gewaer bij elen raad afleggen waar bij denselven hoofdzaakelijk tekennen geeft, dat hij na het verrigten van zeeker Commissie voor den Raad van Justitie van ustitie heeft: moeten geroepen om deselve te b'eedigen, dat men hem te dier geleegentheit het zeijdgeweir had afgeeischt; dog waar toe hij als heb„ benden de Eere den staat der verEenigde Nederlanden te dienen als Capitain ter zee, niet hadde kunnen overgaan als onder protestatie, met versoek dat daar van aanteekening mogt gehouden en hem Extract daar van zoo wel als van de ordre van Haar Hoog Edelheedens op dat subject mogt gegeven werden, dog dat hem zulks was geweigert, waar door hij buiten staat gesteld was om bij geleegentheit te kunnen doen zien, hoe zijn gehouden gedrag daar omtrent geweest is, met versoek aan deese vergadering, dat hem als nog de voorsz 69: sijn ine nog t l M: ten wijders st besluijt daar van aan haar hoog Edelhedens kennisse tege„ „ven na welke ordre den raad van Ius„ „titie zig gedragen heeft ter erlanging van de qualiteijt van capitain lieutenant zal versonden werden voorsz: papieren mogten werden afgegeven; Waar over gedelibereert zijnde, is goed gevon„ „den en verstaan het Request: van gem: Capitain Silvester in origeneel na Ba„ tavia tesenden, bij de generaale Rescrip„ tie daar van aanhaaling te doen en Haar Hoog Edelheedens te versoeken om denselven zoodanig tevreede te stel„ „len als Hoog deselve zullen gelieven goedtevinden, alsoo den Raad van Jus„ titie alhier zich dien aangaande ge„ draagen heeft aan de ordre vervat bij brief van den 19: November 1751: door welmelte Hooge Regeering na de mal„ labaar geschreeven; Den lieutenant en Commandant tot Chettua, Request aan den Heer gou„ verneur gepresenteert hebbende; waar request van den lieutenant beaker ij. denselven bij Haer Hoog Edelheedens solliciteert om de vacante Capitain vrijdag den 21: April 1769 Lieutenants 619 467 Vrijdag den 28:' April 1769. de ordres dicteeren om het aanhou„ op de buijten Comptoiren afte schaf„ „ten Lieutenants plaats; zoo is verstaan des„ selfs request almede onder de bijlaagen na Batavia tesenden; De Heer gouverneur de besoigne vervol„ gende geliefde verder teseggen, Dat Haar Hoog Edelheedens bij de margi„ nale dispositien op de secreete Beden„ kingen van den wel Edelen groot Agtb: Heer Raad ordinair Ian Schreuder Raakende de malla„ baar, onder anderen ten aansien „den der negotie en zoldij boeken van de Buiten Comptoiren hebben gelieven te ordonneeren, om het houden van Negotie en soldij boe„ „ken op die plaatsen te excuseeren, om daar door niet alleen het menig„ „vuldig schrijfwerk temenageeren maar ook teffens om die menigvul„ dige verwarringen die daar uit voors„ spruiten en het Negotie werk voor een 1769 gevon„ 3 Ba„ p stel„ sus„ „ bij door mal„ tot 15 ;
English
is not yet by the previous administration brought to execution, a head administrator or properly making the keeping of the books burdensome, from which it also has its origin that the same are generally closed so late here, but which was not brought to execution by the previous administrations; that His Honour was also of the opinion that those small books can be excused, and that the officials and Residents at the said outer Offices could easily manage with keeping single Consumption books, according to a model that could be formed here by the Honourable Head Administrator; whereabout having deliberated, the members fully confirmed themselves with the proposal of the lord governor, and accordingly it was resolved to cause the Trade books at the subordinate Offices Friday the 21st of April 1769. to cease, and to send models for the keeping of Consumption books to the subordinate Offices Remark of a governor that the fiscal has too much to do Resolution to cause such at the Offices to cease and to be abolished as of the first of September next, furthermore to order the said Honourable Head Administrator to prepare such models for the keeping of Consumption books to be sent, and to serve as a guideline to regulate oneself thereafter in the future. The Lord Governor further informed the assembly that His Honour, keeping the attention focused on bringing the management of this Commandery, and what depends thereon, onto a well-ordered footing, had let his thoughts dwell upon the fiscal, who is at the same time Civil judge over small disputes among the congregation, as well as petty Cashier and collector of the Domains; that so many offices united in one person provide a great deal of work, especially as collector of the Domains, which alone can provide work enough for one person. That on the contrary the shopkeeper has nothing to do except that he receives from the Cashier and once a month pays out the earned wages according to Rolls that are made up by the wage bookkeeper; Friday the 21st of April 1769. Proposition to abolish the office of shopkeeper and to assign the petty cash to the same Proposing therefore, Firstly: to abolish the office of shopkeeper entirely and instead to assign the petty Cash to the junior merchant van Spall, who to this date has held the office of shopkeeper; Secondly, to order the wage bookkeeper Notermans to receive the wages from the Cash and Friday the 21st of April 1769. to let the wage bookkeeper receive and distribute the wages and board money, the fiscal to have the lease moneys counted into the Cash once every month The members confirm themselves with these propositions to have them distributed; Furthermore, to assign to the same to draw up monthly the board money, Ration, and Native Servants Rolls, item the warrant for the house rents, according to the models that His Honour has already provided for those papers; and Lastly, Thirdly, to order the fiscal, as receiver of the Domains, to have that which he receives from the leaseholders counted into the Company's Cash once a month by warrant; And because these arrangements and propositions were considered by the Council as salutary and necessary, they, in hope of Their High Honours' favorable approval, confirmed themselves therewith, and resolved to cause the one and the other to be brought to Execution in such manner. Remark of the governor that too much hoop iron is charged for the cooperage After weighing iron hoops: 50 half Friday the 21st of April 1769. It being further remarked by His said Honour that here, for the manufacturing of cooperage, a great deal of hoop iron is used and charged, from which it appeared that one proceeds somewhat carelessly regarding this matter; that His Honour had therefore thought fit to make a redress regarding this as well, and to bring it to a certain quota as to how much hoop iron may be debited and charged to each piece of cooperage; That His Honour, in order to arrive at this, had caused to be weighed by the Warehouse Keeper, and found that: 50 pieces of whole leaguer hoops weigh lb: 420: 50 half leaguer hoops weigh lb: 250: 50 whole aam hoops weigh lb: 160: and 50 half aam hoops weigh lb: 100: Friday the 21st of April 1769. Determination of how much iron henceforth will be validated for a leaguer and smaller cooperage and that His Honour, having extracted from this the proportioned weight of hoop iron that can be used on each piece of newly made cooperage, had ordered the head administrator Kellij by written instruction to charge the weight of the iron used on new cooperage in the future in the following manner, namely: 1 piece of whole leaguer for 10 hoops lb: 90: 1 piece of half ditto for 8 hoops lb: 45: 1 piece of whole aam for 8 hoops lb: 25: 1 piece of half ditto for 6 hoops lb: 15: which having been accepted by the members for Communication and noted down herein, it is furthermore, upon the proposal of the lord governor, approved to appoint the Master Journeyman of the house carpenters Theunis
Dutch transcription
is nog niet door het voorig mi„ nostaria ter uijtvaar gevraagt een hoofd administrateur of eigentlijk het houden der boeken beswaarlijk maken waar van daan het ook zijn oorsprong heeft dat deselve deurgaans hier zoo laat ge„ 2 slooten werden, dog het welk door de to voorige ministeries niet ter uijtvoer is gebragt, dat zijn Edele mede van gedagten was dat die boekjes kunnen werden g'Excuseert, en dat de bediendens en Residenten op gem: buiten Comptoiren gemakkelijk zouden kunnen volstaan met het houden van enkelde Consump¬ tie boekjes, navolgens een model dat hier door den E. Hoofd administrateur zoude kunnen werden geformeert; waar over gedelibereert zijnde, hebben de leden zig volkomen met den voor„ stel van den heer gouverneur gecon„ firmeert, en dienvolgende wierd besloop ten de Negotie boekjes op de subalterna Vrijdag den 21: April 1769. Comptoiren „ 620 469 vrijdag den 21: April 1769. te koen Cassaeren en modellen tot het houden van Con„ toiten tesenden aanmerking van Een gouver„ neur dat den fiscaal te veel te doen heeft besluijt met primo zber: zulx Comptoiren met primo september aan„ staande te doen Cesseeren in afteschaf„ sen, wijders gem: E: Hoofd administrateur te gelasten zoodanige moddellen tot sempplie nade onderhoorige Comp. het houden van Consumptie boekjes in gereedheit tebrengen, om te kunnen werden versenden, en te dienen tot Rigtsnoer om zig in 't vervolg daar na te kunnen Reguleeren. Den Heer gouverneur gaf de vergade„ „ring verder te kennen, dat zijn Ede„ „le de attentie gevestigt houdende om de huishouding van dit Commandement, en 't geen daar aan dependeert, op een welgeschikten wet tebrengen, desselfs gedagten had laaten gaan, omtrent den fiscaal, die teffens is Civiele reg„ „ter over klijne verschillen onder de gemeente, zoo mede klijn Cassier en invorderaar der Domainen, dat zoo veele 9 k ken heeft van van dens iren blo staan hmp dat teua p or„ „ oo lter n voer ƒ vrijdag den 21: April 1769. doen heeft propositie om het ampt van win„ „kelier afteschaffen en de kleijne kapsa aan denselven op te dragen veele bedieningen in een persoon ver„ eenigt vrij veel werk verschaffen, voor„ namentlijk als invorderaar der Domai„ „nen, dat alleen aan een persoon werks — 2 genoege verschaffen hai. Dat daarentegen den winkelier niets en dat den winkelier niets ten te doen heeft, als dat hij uit Cassa ont„ vangt en maandelijks eens de ver„ diende soldijen uitkeert volgens. Rollen die door den soldij boekhouder werden opgemaakt; Proponeerende dierhalve, Eerstelijk: om het ampt van winkelier in 't geheel afteschaffen en daarentegen de klijne Cassa insteede van dien optedraagen aan den ondercoopman van Spall P die tot dato deeses het ampt van 3 winkelier bekleed heeft, sweedens den soldij boekhouder Notermans tegelasten, de gagien uit Cassa ontvangen en 621 97„ 471 Vrijdag den 21: April 1769. den zoldij boekhouder de gogies en kost den fiscaal alle maanden eens de pagto penningen in Cassa laten tellen belieden confirmeeren zig met die proposities „gelden te laten ontvangen en aflangenn uitdeelen te laaten; Wijders denselven optedraagen om maar„ delijks op temaaken de kostgeld, Rand„ „soen en Jnlandsche Dienaars Rollen, item de ordonnantie van de huis huuren, na de modellen die zijn Edele bereets van die papieren gegeven heeft; en Laatstelijk Ten Derden om den fiscaal als ontvan„ ger der Domainen te gelasten, om het geen hij van de pagters ontvangt Maandelijks eens per ordonnantie in 'sComp:s Cassa telaaten tellen; En dewijl deese schikkingen en pro„ posities bij den Raad als heilsaam en noodzaakelijk wierden geconsidereert, zoo hebben deselve in hoope van Haar Hoog Edelheedens gunstige approbatie zig daarmede geconfirmeert, en be„ slooten het een en ander soodanig ter Executie 89. ver„ r„ Domai„ k3 „ its ont„ ollen 2 en om. n n all 3 man „ vangen dat te veel / hoep ijser tot het vaal werk word opgebragt na wegjing van isre hoopen 50: „ halve vrijdag den 21 April 1769. Executie telaaten brengen, Door welmelte zijn Edele alverder opge¬ merkt zijnde, dat hier tot het aanmaa„ aanmerkinge van den gouverneur„ ken van vaatwerken al vrij veel hoep ijser werd verbruikt en opgebragt waar uit bleek dat men omtrent dit stuk wat gaof te werk gaat; Dat zijn Edele dierhalve goedgedagt had ook daaromtrent een redress te maaken en het te brengen tot een seeker tantum hoe veel aan ider stuk vaatwerk aan hoep ijser zal kunnen werden ten kosten gelegt, en opgebragt; Dat zijn Edele om hier toe te geraaken door den Pakhuismeester had laten naweegen, en bevonden dat 50: p:s heele leggers hoepen weegen lb: 420: „ 250: 50: „ heelen aams„ 100: 50: „ halve „ „ „ 160: en „ „ „ 622 473 73 vrijdag den 21: April 1769. bepaling hoe veel ijser voorthaan voor een legger en minder vaat en dat zijn Edele hier van uitgetrokken hebbende de geproportioneerde. Swaarte van hoep ijser dat aan ider stuk nieuw aangemaakt werdend vaatwerk zal kunnen werden verbruikt, den hoofd„ administrateur Kellij bij een schrif„ telijk ordonnantie gelast had in den aanstaande het gewigt van 't verbruikte ijser aan nieuw vaat„ werk optebrengen in volgender ma„ niere teweeten 1: p:s heele legger voor 10: hoepels lb: 90: do werk zal werden gevalideert 1: „ halve d:o d:o 8: „ 45: 1: „ heele aam „ 8: 25: „ 15: 1: „ halve dito „ 6: 8: „ het welk bij deleden voor Communicatie aangenomen en in deezen aangeteekent zijnde, is alverder op den voordragt van den heer gouverneur goedgevonden den Meesterknegt der huijstimmerlieden Theunis
English
Friday the 21st of April 1769. The master carpenter Theunis van der Weijden is, subject to the esteemed approval of Their High Excellencies and on the expiration of a sufficient term, increased to f36 per month. The bookkeeper Carel de Riberto, who arrived here with the Lord Governor of Surat, having indicated by request that he has been continually indisposed since his arrival and fears that his illness would increase should he remain here longer, it has likewise been approved and agreed to grant his request and to provide him with passage to Batavia on the ship Aschat. Also summarized and approved in this meeting was the answer to the findings on the Cochin trade books of the year 1736/6, submitted by Chief Administrator Kellij, and it was resolved to send the same, with its appendices, to Batavia. Finally, the Lord Governor communicated to the members that His Honour intends, by a separate letter, to request Their High Excellencies for his dismissal from this administration and relief from this coast, and that this announcement was made so that the members might regulate their applications to the aforementioned High Government accordingly, in case it should please Their High Excellencies to grant his request. Thus resolved and decreed in the Council of Malabar at the city of Cochin, on the day, month, and year aforesaid. Was signed: C: L: Senff, D: Kellij, D: H: Medeler, J: v: d: Sleijden, H: Notermans, S: C: Sassin, I: L: v: Spall, and A: R: Schutz. Friday the 5th of May in the year 1769. In the morning at nine o'clock. All Present. First, it was noted herein: That the ship Popkensburg commenced the return voyage to Ceylon on the 30th of April last with a cargo of 800,807 lb of pepper, but that of the 200 lasts of rice planned according to the resolution of the 21st of the aforementioned month, no more than 30 lasts could be shipped out due to a lack of space. After this, the Lord Governor made known to the meeting how he had found upon inquiry that whenever the slave traders brought in some persons from outside to sell them as slaves, they then applied to the chief interpreter and frequently also to the under-interpreter, and obtained from him a proof or attestation to show that this first sale might lawfully take place; that this proof had hitherto been granted and written on an ola or palm leaf, and moreover in the Malabar language, which no one at the secretariat understood, and that the secretariat clerks nevertheless proceeded upon it and drew up the slave transfers in proper form. But since this revealed a bad practice, which not only implied negligence in a matter of such importance, but which could also give rise to great abuses and even frauds, His Honour had deemed it necessary to propose to the Council to make an alteration and better arrangement in this regard. And this having been discussed and the necessary considerations weighed, it was resolved by unanimous vote to establish and determine the following in that regard, namely: That no one other than the chief interpreter shall be permitted to grant such attestations, and in his absence only the person who shall be expressly qualified thereto by the Lord Governor. That the chief interpreter, or another in his stead, shall grant no attestation except upon reasonable grounds of knowledge, and after having carefully interrogated the slave trader as well as the persons whom he presents as slaves. That henceforth those attestations shall not be written on an ola nor in Malabar, but on paper and in the Dutch language. That, this being done, the same shall be brought to the fiscal, and, after further inquiry and information have been obtained, shall be signed by him as examined. And that the clerks at the secretariat shall not be permitted to make any kind of slave transfers of the first sale, except only upon such proofs as are, in the manner aforesaid, written on paper in Dutch and properly signed by the interpreter as well as by the fiscal. The Lord Governor further made known to the meeting that he had noticed in the trade books, among other improper entries, that the stamped
Dutch transcription
Vrijdag den 21: April 1769. den meesterknegt der huijstim„ merlieden van der weijden tot ƒ36. verbetert batavia verlost resumptie en approbatie van het antwoord, op de bevinding der nego„ tie boeken Theunis van der Weijden op de g'Eerde approbatie van Haar Hoog Edelheedens, mits ruime tijds expiratie te verbeeteren tot ƒ36: per Maand Den boekhouder Carel de Riberto, die met den Heer gouverneur van souratta hier aangekomen is, bij request tekennen gegeven hebbende, dat hij zedert zijn komste bij continuatie on„ passelijk is geweest en bevreest is, dat zijne onpasselijkheit vermeerderen den boekhouder de reberto na zoude indien hij hier langer bleef, zoo is almede goedgevonden en verstaan desselfs versoek te accordeeren, en aan denselven met het schip Aschat na Batavia transport teverleenen; ook is in deese vergadering geresumeert en g'approbeert, het antwoord op de bevinding van de Cochimse Negotie boeken van A„o 1736/6 door den hoofd administrateur Kellij inge„ „diend 623 4 475 Vrijdag den 21: April 1769. communicatie van den gouver„ „neur dat zijne dimissie zal ver„ soeken diend en beslooten deselve soodanig en„ „derde bijlagen na Batavia tesenden, Eindelijk Communiceerde den Heer gou verneur de leden nog, dat zijn Edele voor„ „nemens was, om bij een apart schrif„ „tuur Haar Hoog Edelheedens te versoe„ ken om desselfs dimissie uit dit be„ stier en verlossing van deese kust en dat deese bekantmaking geschiede op dat deladen zig met hunne solli„ citaties bij welmelte hooge Regeering daar na zouden kunnen reguleeren; ingevalle het haar Hoog Edelens behaa„ „gen mogte zijn versoek toetes aan Aldus geresolveert en gearresteerd in Rade van Mallabaar ter steede Cochim ten dage, Maand en Jare voormeldt. /was gete:/ C: L: Senff, D: Kellij, D: H: Medeler, J: v: d: Sleijden, H: Notermans, S: C: Sassin, I: L: v: Spall, en A: R: Schutz. voor Vrijdag „burg na Cijlon bragte slaven opgemaakt vooraf werd in deezen aangeteekent: Dat het schip Popkensburg 30„ den3 e e April Jongstleeden, de terug Rijze naar vertrek van het schip Lopkens Ceijlon heeft aangenoomen, met een la„ ding van 800807: lb: peper, dog dat van de volgens Resolutie van den 21: der evengemelte Maand, geprojecteerde 200: lasten Rijst daar in niet meer dan 30: Lasten, uijt gebrek aan ruijm te, hebben afgescheept kunnen werden; Hier na maakte De Heer gouverneur aan de vergadering bekent; Hoe hij bij ondersoek bevonden hadde, dat wanneer deslaven handelaars; eenige persoonen hoedanig de bewijsen van aange. van buijten inbragten om deselve voor lijfeygenen te verkoopen, zij zig dan Den 5: Maij A:o 1769. Smorgens ten Negen uuren Alle Present bij ƒ 624 474. vrijdag den 5:' Maij A„o 1769. „ligent botere schikking bij den opper en meermaalen ook bij den onder Jolk vervoegden en van denselven een bewijs of attestatie namen, ten blijke dat die eerste verkoop wettig geschieden mogte; Dat dit bewijs tot nog toe ver„ teend en geschreeven was op een ola of Palm-blad, en wel in de Mallabaarse taale, die ter secretarije niemand ver„ stond, en dat egter de secretarije bedien„ „dens daar op te werk gingen, en de die handelwijseris selegt en nog slaven Transporten in forma opmaak„ „ten; maar aangesien: dit een slegte han„ „delwijse vertoonde, die niet alleen eene agtelooshijd of Negligentie insloot, in eene zaak van die aangelegenthijd maar dewelke ook tot groote mis„ bruijken en zelfs bedriegerijen aan„ leijding konde geven, dat zijn Edele den gouverneur proponeert een daarom noodig g'oordeelt hadde, den Raad voortedraagen, om in desen eene verandering besluijt dat den oppertolk alleen Vrijdag den 5: Maij Ao 1769. verandering en beetere schikking te maaken; En waar over dan gesprooken en het noodige overwoogen zijnde met een paarige stemmen geresolveert wierd ten dien opsigte het volgende testatu„ eeren en vast testellen, teweeten: Dat niemand als de oppertolk ver„ de attastaties dal verleenen mogen zal, diergelijken attestatien te verleenen, en bij zijne absentie alleen de geene, die door den Heer gouverneur daar toe expres gequa „lificeert zal werden. Dat de oppertolk of een ander in zijne plaatse geene attestatie verleenen zal„ dan op reedelijke gronden van wee„ tenschap, en na den slaven handelaar zoo wel, als de persoonen, die hij voor= lijfeigenen op geeft, nauwkeurig on„ dervraagt te hebben. Dat die Attestatien voortaan niet geschreeven 625 479 Vrijdag den 5: Maij 1769: op papier en in het nederduijts ge„ schreven worden O en na gedaan ondersoek door den fiscaal getekend worden waar op de secretarije bediendens maar een transport zullen mogen passeeren zullen voortaan op geen ola maar geschreeven zullen werden, op een ola nog in 't mallabaars maar op papier en wel in de Nederduijtsche taale Dat dit geschied zijnde, deselve by den fiscaal gebragt; en door hem na gedaan nader ondersoek en informatie voor gesien onderteekend zullen werden; En dat de Bediendens ter secretarije niet vermogen zullen eenigerhande slaven transporten van den Eersten verkoop te maaken, dan alleen op zulke bewijzen, die invoegen voormelt, in 't Nederduijts op papier geschreeven en door den Tolk zoo wel als door den fiscaal behoorlijk onderteekend zijn. Nog maakte De heer gouverneur aan de vergadering bekent, bij de Negotie boeken onder meer andere abusive stel„ lingen ontwaart te hebben: Dat het gestempelt „
English
May 1769: Improper treatment of the stamped paper in the trade books Friday the 5th: stamped paper of the small seal was booked immediately after the initialing, and its full amount was credited to the Revenue account, just as if it had already been genuinely sold, and the money for it had been received in the cash office; that this likewise comprised a manner of doing which was not only contrary to the order of bookkeeping, but also ran counter to common sense, because in that manner one and the same matter was entered twice in one and the same books, namely once under the Small Seal account, where the stamped paper with its sum of money continued to run as an actual remainder, and once under the Revenue account, where that same amount was entered as already received 626. 481 Friday the 5th May 1769. received. That also in that manner no comparison could be made as to how much the small seal had yielded more or less in one year than in another; and that if such erroneous entries were permitted to occur, it might well happen that someone, in order to make a great showing on the profit account, would have so much paper stamped in one year that the same could not be sold in five or ten years, whereupon that single year would show a great profit on the small seal and the other subsequent years nothing at all. Therefore, in that respect also deeming a change and improvement most highly necessary, it was resolved and agreed upon the proposition of His Honour: Friday the 5th May 1769. Resolution to write back the stamped paper booked in the books, and to enter the same solely by number on a separate account. To order the Honourable Second and Trade Bookkeeper, by extract hereof, to write back the amount of the stamped paper, which previously has been booked in the manner aforementioned and yet currently still runs with its full value under the actual remainders, to the debit of the account of previous years' profits and losses; and to let this continue to run, as well as that which is newly stamped, not to enter it otherwise than by the number of pieces and the value of each on a separate account named The Small Seal, as well as not to credit the Revenue account with more thereof than annually once under the last of August as much as shall have been effectively sold by the collectors and paid into the cash office in that year. 627 3 483. Friday the 5th May 1769. Administration of the armory Hans Casper Thiel. The Governor also inquired whom one should entrust again with that administration instead of the overseer of the Honourable Company's armory Hans Casper Thiel, who passed away on 23 April last; and since the assembled members declared that among the available craftsmen they knew no one who possessed the required competence and qualifications for it: it was resolved with unanimous votes, after deliberation on the necessary matters, to appoint and install again as overseer of the armory and that which is connected thereto, the Extraordinary Fireworker Andries van Eijk, he being a man who is not only steady, Friday the 5th May 1769. Request of the Second for a recommendation to Their High Excellencies to succeed to the government. steady, attentive, and of exceptionally good conduct, but who also, by reason of the prolonged illness of the deceased, has already attended to that work for some time past, and on that ground must be assumed to possess some knowledge thereof; as well as to have the transfer made to the same on the first of the current month; Hereafter the Honourable Second and Head Administrator David Kellij having risen and having requested the meeting: that his person might be recommended in the best manner to Their High Excellencies in the letter now departing, in order to be allowed to succeed as Commander in this government, in case it might occasionally happen, although he by no means wished such yet, that the present 628 485. Friday the 5th May 1769. Is agreed to by the Council. Production of six more petitions and resolution to send the same in original to Their High Excellencies. present Governor, according to his declaration made in the last meeting, might obtain his dismissal; it was approved to grant this request and not only to recommend His Honour in the best manner in the general letter, but the Governor also undertook to accomplish this separately and further in the secret or separate letter. Furthermore, the Governor produced the following six petitions, which having been reviewed, it was approved to submit in original to Their High Excellencies, namely: One from the aforementioned Second Kellij, Friday the 5th May 1769. Kellij, wherein he requests that his salary may take effect again from the last of August 1764, when the same was written off; One from the Merchant and Fiscal van der Sleijden, containing a request that upon the advancement of the Second Kellij, he may be favored with the Head Administration in his place; Two from the Junior Merchants van Spall and Schutz, who both in case of a change request the office of Fiscal; One from the Bookkeeper and First Sworn Clerk Daimichen, who applies, in case of a vacancy, for the post of Secretary of Police; and One from the Equipment Overseer and Titular Skipper Laurens Buijs, who requests to be allowed the salary of a skipper.
Dutch transcription
Maij 1769: oneijgen behandeling van het gestampeld papier bij de negotie boeken Vrijdag den 5: gestempelt papier van 't klijne zegul„ terstond na de paraphure ingenomen, en dies volle bedraagen de Reekening van Jnkomsten ten goede gebragt wier„ „de, even als of het bereets Reëel ver„ kogt, en het geld daar voor in Cassa ontvangen was; dat dit insgelijks eene manier van doen bevattede, die niet alleen tegens de ordre van 't boekhouden, maar ook tegens de gezonde reeden streed, want dat op die wijze een en dezelfde zaak twee maal bij een en dezelfde boeken opge„ bragt wierde, te weeten Eens onder de Reekening van 't klijne zegul, alwaar het gestempelt papier met dies geldsom als een wesendlijk Restant bleef voortloopen, en Eens onder de Reekening van Jnkomsten, alwaar dat zelfde bedraagen als bereets ingekomen 626. 481 vrijdag den 5: Maij 1769. ingekomen opgebragt was, Dat ook op die wijze geene vergelyking tema„ ken was hoe veel het klijne zegul in 't eene Jaar meer of minder dan in 't ander afgeworpen hadde; En dat als diergelijk en verkeerde Jnboekingen geschiede mogten, het dan wel ge„ beuren konde, dat de eene of ander, om bij de winst Reekening eene groote vertooning te maaken, het eene Jaar zoo veel papier stempelen liet, dat het zelve in geene vijf of thien Jaaren, verkogt konde werden, als wanneer dat eene Jaar alleen een groote winst op 't klijne zegul vertoonen zoude en de andere daar aan volgende Jaaren niet met al. Dus dan ten dien opsigte al meede eene verandering en verbee„ tering ten hoogsten noodig agtende, zoo wierd op de propositie van zijn Edele vrijdag den 5: Maij 1769. besluijt het bij de boeken ingenomen terig schrijven en het zelve alleen bij het getal op een aparte reekening inteneemen Edele goedgevonden en verstaan: Den E secunde als Negotie boekhouder, bij extract deses tegelasten, het bedraagen gestampelt papier weders telaten van 't gestempelt papier, dat bevoo„ rens invoegen voormelt ingenomen is en egter thans nog met zijn volle geld onder de Reëele Restanten voor't„ loopt, ten lasten der Reekening van voorjaarige winsten en verliesen we¬ der te rug te schrijven en dit zoo wel te laaten voortloopen als het geen op 't nieuw gestempelt werd, niet anders intenemen, dan bij 't getal der stux en de waarde van ieder op eene aparte Reekening Het Klijne Zegul genaamt, mitsgaders de reeke„ ning van Inkomsten daar van niet meer ten goede tebrengen dan Jaarlijx eens onder ultimo Augustus zoo veel, als in dat Jaar door de Collecteurs 627 3 483. Vrijdag den 5: Maij 1769. wappen kamer Hans Casser Chiel administratie gesteld. Collecteurs effective verkogt, en in Cassa betaald zal zijn. ook gaf de Heer gouverneur in omvraage, wien men insteede van den op den 23: overleijden van den opsiender der April pass:o overleedenen opsiender van s E Comp: wapenkamer Hans Casper Thiel die Administratie weder opdraa„ gen zoude; En dewijl de gezamentlijke leeden betuijgden onder de aan handen zijnde Ambagts lieden niemand te weeten nog tekennen, die daar toe de vereijschte bequaamheijd en hoeda„ nigheijd bezat: zoo wierd na overwee„ ging van het noodige, met Eenpaarige stemmen beslooten; tot opsiender van de wapenkamer en het gunt daar aan verknogt is, weder te benoemen en aantestellen, Den Extra ordinair den vuurwerken van bijk in de vuurwerker Andries van Eijk, als zijnde een man die niet alleen be„ „zaadigt Vrijdag den 5: Maij 1769. versoek van den secunde om voordraging bij haar hoog Edelheed=s om optetreeden in het bestier zaadigt oplettend en van een bijsonder goed gedrag is, maar die ook mids de langduurige ziekte van den overlee„ denen, dat werk bereets eenigen tijd herwaards waargenoomen heeft, en uijt dien hoofde vooronderstelt moet werden, daar van eenige kennisse te be¬ zitten; mitsgaders aan denselven onder primo deser nog Transport, telaaten doen; Hier na De E. Secunde en Hoofd admini„ strateur David Kellij opgestaan. zijnde en de vergadering versogt heb„ bende: Dat zijne persoon bij de thans afgaande brief Haar Hoog Edelens ten besten voorgedraagen mogte werden, om als Commandeur in dit bestier te mogen opvolgen, ingevalle het zom„ „tijds gebeuren mogte, schoon hij zulx nog geenzinds wenschte, dat de pre„ „sente 628 485. Vrijdag den 5: Maij 1769. „cordeert questen en besluijt deselve Edelhed:s aftesenden sente Heer gouverneur volgens des selfs declaratie in de Jongste vergadering gedaan, zijn ont„ „slag erlangen mogte; zoo wierd goedgevonden dit versoek toe word door den raad g'ac„„ testaan en zijn E: niet alleen bij de gemeene brief op de beste wijze voortedraagen, maar de Heer gouverneur nam ook aan, zulx bij de„ secreete of aparte brief af„ sonderlijk en nader te vol¬ brengen. voorts produceerde de Heer gou productie van nog ses re„verneur de volgende ses stux in origeneel aan haar hoog Requesten, dewelke geresu„ meert zijnde men goedvond in origineel Haar Hoog Edel„ lens aantebieden Jeweeten Een van evengemeldten secunde Kellij Vrijdag den 5: Maij 1769. Kellij waar bij hij versoekt, dat zijne gagie weder Cours mag nemen, van ultimo Augustus 1764: dat deselve afgeschree„ „ven geweest is Een van den koopman en fiscaal van der sleijden, behelsende ver„ „soek, om bij optreeding van den secunde Kellij in desselfs plaatse met de Hoofd administratie be„ gunstigt temogen werden. Twee van de onderkooplieden van spall en schutz, die beijde ingevalle van ver„ „andering om het fiscaals ampt versoeken. Een van den boekhouder en Eerste geswooren clerq Daimichen dewelke bij vacature insteert, om de bediening van secretaris van Politie. En Een van den Equipagie opsiender en schipper titulair Laurens Buijs, die versoekt, om de gagie van schipper temogen
English
629 487 Friday, the 5th of May 1769. Orphan Master Daimichen, and appointment in his place reading of a letter from Cannanore to obtain. Furthermore, a request having been made by the aforementioned Daimichen to be discharged as Secretary to the Orphan Masters, it was deemed proper to grant that request, and, upon the nomination of the Honorable Major Medeler as President of that College, to appoint in his place once again as Secretary to the Orphan Masters the Bookkeeper and Pay-Transferrer Coenraad George Seijsser. Lastly, after reading a letter from Cannanore dated the 30th of April last, it was resolved and understood with respect to that office: To authorize and instruct the officials to write off 362 lb of gunpowder, evaporated or found deficient in value and in quantity during the drying of 2829 lb, along with another 111 lb that were found unusable, though the latter are to be sent here in kind at the first opportunity. discharge of the Secretary of the Bookkeeper Seijffer Friday, the 5th of May 1769. unusable gunpowder written off for discharge promotion of the clerk Filkop to bookkeeper assistant surgeon Voogt granted surgeon's board money Likewise to promote the sworn clerk there, Ian Filkop, to Bookkeeper, considering the ample expiration of his term. And to grant the surgeon's board money to the assistant surgeon stationed there, Jacob Voogth, who has already served six years beyond his term. Thus resolved and decreed in the Council of Malabar at the city of Cochin on the day, month, and year aforesaid. Signed: C: L: Senff, D: Kellij, I: H: Medeler, I: v: d: Sleijden, H: Notermans, S: C: Saffin, I: L: v: Spall, and A: R: Schutz. Friday /6. 636 489 Friday Address of the Governor to the members The 26th of May Anno 1769: In the morning at nine o'clock, Excepting the Honorable Senior Merchant and Second David Kellij due to indisposition, and the Honorable Major Jan Hendrik Medeler, as he is outside the city with permission. The prayer having been spoken and the members having taken their seats, the Governor was pleased to state that, although His Honor did not have many matters to present to the meeting, there were nevertheless some points that required speedy dispatch, and for which reason, having convened this meeting, His Honor would make a beginning by recording what had occurred since the last meeting, consisting of the following: To wit: desertion of the soldier Bon and Aeltsong notification that passage to Batavia was granted to the emissaries of Ali Raja Firstly, that on the 5th current, two soldiers by the names of Frans Anthonij Bon from Würzburg and Andries Iltsong from Berlin were missing from this garrison; Secondly, that on the 8th thereafter, upon a written inquiry on the request of the Moorish Regent Adi Raja, a decision was taken to grant passage to Batavia to two emissaries of the same on the Company's ship Aschat, for the conveyance of letters and gifts to His High Nobility the Governor-General; Thirdly, that on the 13th thereafter, in 631 491 Friday, the 26th of May 1769. general rescription and requisition for Batavia resumed and signed departure of the ship Aschat improprieties observed by the Governor in the trade books a special meeting, the general rescription addressed to Their High Nobilities was collated, signed, and furthermore the formal requisition of merchandise and necessities for this Commandery for the year 1769/70 was also resumed and approved; Fourthly, that the officers of the said vessel obtained their dispatches on the 15th current, set sail the following day, and were already out of sight by the evening; the late departure of this vessel being primarily attributable to the fact that during the last six days no craft were able to get out of the river due to contrary winds. Hereafter, the Governor informed the meeting that, with respect to the trade books of this Commandery, he had further observed: Friday, the 26th of May 1769. observed: That they not only contained a multitude of unnecessary accounts, but were also of an exceptionally great encumbrance due to the many and voluminous subsidiary ledgers kept here, of untaxed as well as other goods in stock; That also a large quantity of assets and supplies continued to run in the books as valid remnants with their full value, although they had not only been in use for a long time, but were also partly already worn out and unusable, and others were even absent altogether. And requires a speedy redress that this certainly required a speedy redress, in order not only to reduce the clerical work, but also to lighten the labor itself, and thereby enable the Trade Bookkeeper to finish the books 632 493 Friday, the 26th of May 1769. cannot be accomplished due to lack of proper reports from the survey somewhat earlier than has happened recently, and possibly for some years past. That His Honor had indeed already made a start with extracting the defective and bad remnants in order to purge the books of them, and to place the same on a separate account and let them continue until Their High Nobilities' pleasure in that regard had been requested and obtained; but that he could not proceed therewith for lack of proper reports on the findings of the administrations, since even the latest ones made at the end of January last, through an erroneous report by the junior clerks of the Trade Office, were so poorly prepared that one could not entirely rely upon them. And
Dutch transcription
629 487 Vrijdag den 5: Maij 1769. weesmeester Daimichen, en aanstelling in desselfs plaats fectura van een Cananoorse mis„ sive temogen erlangen. Wijders door evengemeldten Daimichen nog versoek gedaan zijnde, om als se„ cretaris van weesmeesteren ontslaagen ontslag van den secretaris van temogen werden, zoo wierd goed gevon„ van den boekhouder seijffer den dat versoek te accordeeren, en op de voordragt van den E: Majoor Medeler als president van dat Collegie in zijne plaatze weder tot secretaris van weesmeesteren aante„ stellen, den boekhouder en zoldij overdrager Coenraad george Seijsser. Laatstelijk wierd nog na genomen lectura van een Cananoorse brief, gedateert den 30: April jongstleeden ten opsigte van dat Comptoir gere„ solveert en verstaan De bediendens te qualificeeren: en te gelasten om 362: lb: buskruijd, bij het droagen van 2829. lb: vervloogen of Vrijdag den 5: Maij 1769. le onbequaam buskruijt, werden ter afschrijving gepasseert bevordering van den scriba filkop tot boekhouder aan den onderchirurgijn voogt Chirurgijns kostgeld g'accordeert o 362: lb: kem in ontwaarde en in: of temin bevonden, temoogen afschrij„ „ven, met en benevens nog 111: lb: die onbequaam bevonden zijn, dog delaat„ sten bij eerste gelegendhijd in effecte herwaards tezenden. zoo meede den geswooren scriba daar ter plaatse Ian filkop, mids ruijme tijds Expiratie te bevordeeren tot Boek„ houder En aan den aldaar beschijden onder„ chirurgijn Jacob voogth, die al ses Jaaren over zijn tijd gedient heeft, toeteleggen het chirurgijns kofged Aldus geresolveert en gearresteert in Rade van Mallabaar ter steede Cochim ten dage Maand en Iaare voormeldt. /was gete:/ C: L: Senff, D: Kellij, I: H: Meder, I: v: d: Sleijden, H: Notermans, S: C: Saffin, I: L: v: Spall, en A: R: Schutz. vrijdag /6. 636 489 Vrijdag L aanspraak van den gouverneur gandeleeden Den 26: Maij A:o 1769: Smorgens ten Negen uuren, Demptis Den E: opperkoop„ „man en secunde David Kellij door Jndispositie, en Den E. Majoor Jan Hendrik Medeler, als zijnde met Consent buij„ „ten de stad Met gebed uijtgesprooken en door de leden sitplaats genomen zijnde, ge„ liefde den Heer gouverneur te zeggen, dat hoewel zijn Edele de vergadering niet veele zaaken voortedraagen hadde, er egter eenige poincten waaren die eene spoedige expeditie vereischten, en om welke reden zijn Edele deese bij een„ komst hebbende laaten beleggen een begin zoude maaken, met aanteeke„ „ning Vrijdag den 26: Maij 1769: en Aeltsong bekentmaking dat aan de sende„ na Batavia verleent is ning te doen houden van het gunt 't sedert de laatste bij eenkomste voorge„ vallen was bestaande in als volgt Teweeten. Eerstelijk dat op den 5=ten Courant twee desertie van den soldaat Bon soldaeten in naeme frans Anthonij Bon van wurtsburg en Andries Iltsong van Berlijn, uit dit quar„ nisoen zijn vermist, Tweedens dat op den 8=ten daar aan bij schriftelijke omvraage op 't versoek van den Moors Regent Adij Ragia een besluijt genomen is om aan twee lingen van tijle ragia transport sendelingen van denselven met sComp:s schip Aschat na Batavia Jrans„ port te verleenen, ten overbreng van Brieven en geschenken aan zijn Hoog Edelheit den Heer gouverneur generaal; Ten Derden dat op den 13den. daar aan in 631 491 Vrijdag den 26: Maij 1769. en Eijsch voor Batavia geresu„ meert en getekend is gouverneur in de negotie boeken ontwaard. en dat de generaale rescriptie in een bijsondere bij eenkomst de generaa„ le rescriptie aan haar Hoog Edelheedens gerigt, gecollationeert, geteekent, en wij„ ders ook geresumeert en g'approbeert is de formeele Eisch van Coopmanschappen en benoodigtheeden voor dit Commande„ ment voor den Jaare 17 8/40. sen vierden, dat de overheeden van gem: vertrek van het schip Aschat bodem op den 15=den deeser hunne depeche erlangt, sdaags daar aan onder zeijl gegaan en savonds bereets uit het gezigt zijn geraakt; zijnde het laat vertrek van deesen bodem„ voornamentlijk daar aan toeteschryven, dat in de laatste ses daagen geene vaar„ tuijgen wegens Contrarie winden buijten de revier hebben kunnen komen. Hier na gaf de Heer gouverneur de vergade„ wanstalligheeden door den ring tekennen, ten opsigte van de Negotie boeken deeses Commandements nog ontwaard „ n Vrijdag den 26: Maij 1769. ontwaard te hebben: Dat deselve niet alleen eene meenigte onnoodige Reekeningen bevatteden, maar ook van een bijzonder groote omslag waren, door de veele en volumineuse bij-boekjes die hier ge„ „houden wierden, zoo wel van ongetax„ „eerde, als van andere goederen in voorraad, Dat ook eene groote quantiteijt Effecten en behoeftens als deugtzaame restanten met hunne volle geld bij de boeken voort„ „liepen, schoon deselve niet alleen stee„ dert lange in gebruijk, maar ook ge„ deeltelijk al versleeten en onbequaam en andere zelfs al Absent waaren. En vereijscht een spoedig redres dat dit een en ander zeekerlijk een spoedig redres vereijschte, ten eijnde niet alleen het schrijf werk te ver„ „minderen, maar ook den arbijd zelfs te verligten, en daar door den Negotie Boekhouder in staat te stellen met de 632 493 Vrijdag den 26: Maij 1769. kan niet volbragt werden door gebrek aan goede rapporten van den opneem de boeken wat vraeger, als nu Jongst, en mogelijk al 't sedert eenige Jaaren herwaards geschied is, klaar te kunnen komen: Dat zijn Edele ook al wezendlijk een begin gemaakt hadde, met het uijttrekken der ondeugende en quaade Restanten om de boeken daar van te zuijveren, en dezelve op eene aparte Reekening te brengen, en telaaten voortloopen, tot men dien aangaande Haar Hoog Edelheedens welbehaagen versogt en erlangt zoude hebben, Dog dat hij daarmeede niet voortkonde gaan, uijt gebrek aan goede Rapporten van de bevinding der admi„ nistratien;, alsoo zelfs de laatste onder ultimo Januarij jongstleeden gedaan, door een verkeert berigt der mindere pennisten van 't Negotie Comptoir, zoo meijgen ingerigt waren, dat men zig daar op niet volkomen gerusten konde En
English
Friday 26 May 1769. Proposal to abolish the auxiliary ledgers of unassessed goods and to omit and change some of the surplus accounts in the books. And that he, having to postpone this work until the last day of August next, now solely proposed: to abolish provisionally all auxiliary ledgers, but principally those of the unassessed goods, and at the same time also to omit the surplus accounts from the books, as well as to alter some of them, and to divide the balances somewhat better among them according to their sort and nature, following the instructions drafted for that purpose by His Honour; since this would not only provide a great relief for the trade bookkeeper for the present, but would also make the upcoming work of clearing the books much easier. And since the Council was of one mind with the Governor regarding this article, and deemed a redress in this respect highly necessary, it was resolved by unanimous vote to order the trade bookkeeper to abolish completely all unnecessary auxiliary ledgers, and to extend the unassessed goods according to old custom under the previous and subsequent balances, as well as to regulate himself according to the instructions of the Governor regarding the omission and alteration of the accounts, and furthermore already to make a beginning with this in the books of the year 1768/9, which are only now about to be formed. Complaint of the King of Travancore regarding insolent acts committed during the transport of cattle to the town. The Governor, continuing the business, further informed the meeting that the King of Travancore had repeatedly lodged complaints about the insolent acts that various Christians, Jews, and Moors under the Company's jurisdiction were said to have committed during the transport and conveyance of cattle to the town or elsewhere, when passing by His Highness's posts and guards, by binding, pulling, beating, and the like. On that pretext he detained the vessels and seized the cattle, attempting mastery over the river. That the said prince, under this pretext, had caused several vessels belonging to the Company's subjects, and also the Company's own vessels, to be hailed and inspected around Cranganore, and the cattle therein to be seized, thus attempting under this pretext gradually to draw to himself the mastery over the river and to dictate the law to us. That this notable infringement upon one of the Company's foremost privileges ought to have been opposed with all earnestness and the Company's privilege maintained right from the beginning. The Governor wishes to remedy that infringement by gentle means. How the transporters of cattle shall behave, by notification through an edict. However, this not having occurred and having been neglected, His Honour had considered remedying this defect through gentle and amicable means; and that His Honour, for the attainment of that objective, had regarded it as a favourable opportunity to remove the aforesaid complaints of that prince, and, by means of an edict drafted for that purpose by His Honour, to prescribe to the Christians, Jews, and Moors belonging under the jurisdiction and protection of the Company how they shall have to conduct themselves when they wish to transport cattle past the guard posts of native princes. And that His Honour, in order to achieve his aim all the better, intended to send a copy to the King of Travancore, with a written notice alongside it: And sending of a copy to Travancore with a request not to hinder the transport now. Production of the draft edict. Insertion thereof. That while he now saw what had been done regarding his complaints, one lived in hope that he would now also give the necessary orders that the vessels of the Honourable Company and those of Her Honour's subjects in the rivers should no longer be detained by his guards and postholders, much less inspected and even stripped of their cargoes. Whereupon the said draft, having been produced, read, and reviewed by His Honour, was approved entirely and in all parts by unanimous vote, and was understood to be published and affixed here and at the subordinate offices wherever and in such manner as is proper, reading as follows: Christiaan Lodewijk Senff, Governor and Director on behalf of the State and the General Chartered East India Company of the United Netherlands on the Coast of Malabar, Canara, and Vingurla, together with the Council of Policy at Cochin, To all those who shall see or hear these presents, Greetings, Make Known: That, whereas the King of Travancore has lodged his complaint with us, and we have also otherwise come to know how various Christians, Jews, and Moors, standing under the jurisdiction and protection of the Noble Dutch Company,
Dutch transcription
prositie om de bijboekjes van on„ telaten en erommige Jeveranderen Vrijdag den 26: Maij 1769. En dat hij daarom dit werk tot ultimo Augustus aanstaande uijtgestelt moetende laaten, nu eenelijk proponeerde: om bij pro„ „getaxeerde goederen afte schapfen „ visie alle bij-boekjes dog voornamentlijk die van de ongetaxeerde goederen afteschaf„ „fen, en teffens ook de overtollige Reeke„ ningen uijt de boeken telaaten, mitsga„ de overtollige reek:t uijt de boekenders zommige te veranderen, en de restan„ „ten wat beeter onder dezelve, na rato van haare soort en eijgenschap te verdeelen, na 't voorschrift, door zijn Edele ten dien eijnde in Concept gebragt; alsoo zulx niet alleen voor eerst den Negotie boek„ houder eene groote verligting geeven maar ook het aanstaande werk om de boeken te zuijveren, veel gemaklijker maken zoude; En dewijl den Raad met den Heer gouver„ neur omtrent dit articul van een sen„ „timent was; en ten dien opsigte een redres bes stel „der 633 495 Vrijdag den 26: Maij 1769. stelligen door den negotie boekhou„ „der klagte van den koning van Trevan„ Coor over gepleegde ons hebbelijkheeden redres hoognoodzaakelijk oordeelde, zoo wierd besluijt het zelve telaten bewerk met eenpaarige stemmen goedgevonden en verstaan Den Negotie boekhouder te gelasten, alle onnoodige bijboekjes in 't geheel afteschaffen, en de ongetaxeerde goederen volgens ouder gewoonte, onder de voor en na restanten te extendeeren, mitsgaders ten opsigte van het weg laaten en veranderen der reekeningen zig na het voorschrift van den heer gouverneur tereguleeren, en wijders daar„ meede al een begin te maaken bij de boeken van A=o 176 6/9: die nu maar eerst geformeert zullen werden Den Heer gouverneur de besoigne vervol„ gende gaf de vergadering verder teken„ nen, dat den koning van Grevancoor bij verover van koebeesten hadestad te meermaalen zijn beklag hadde laaten doen over de baldadigheeden, die verscheide Christenen, Jooden en mooren ver Vrijdag den 26: Maij 1769. heeft op dat voorwendsel de vaartuijgen aangehouden ende koehefsten opgenomen de revier mooren onder 'sComp:s Jurisdictie, bij vervoer en overbreng van koebeesten na de stad of elders, in 't voor bij passeeren der posten en wagten, van zijn Hoogheit zouden hebben gepleegt, met binden, trekken slaan en diergelijken, Dat gem: vorst onder dit voormendsel verscheide vaartuijgen van 'sComp:s onder daanen en ook 'sComp:s vaartuijgen selve omstreeks Cranganoor hadde laaten aanroepen, visiteeren, en de daarin zijnde koebeesten wegnemen, tragtende dus onder dit pretext, langsamerhand, tragt na het Meesterschap over het meesterschap over de revier aan zig tetrekken en ons de wet testellen. Dat deese notabele inbreuk in een van 'sComp:s voornaamste voorregten al in den beginne, met allen ernst had moeten tegengegaan en 'sComp:s voorregt gemaintineert werden. Dog 634 497 Vrijdag den 26: Maij 1769. den gouverneur wil dien inbreuk hoe de vervoerders van koebeesten zig zullen gedragen Dog zulks niet geschied en versuimt zijn„ door sog te middelen verhelpen de, zijn Edele bedagt was, om door zagte en minnelijke weegen dit gebrek te verhelpen; en dat zijn Edele tot berei„ king van dat oogmerk als een gunstige geleegentheit had aangesien, om de voorsz: klagten van dien vorst wegtene„ men, en bij een placcaat ten dien Einde door zijn Eedele in Concept gebragt, de Christenen, Jooden en mooren onder de Judicatiere en Protectie van de Compagnie gehoorende, voor„ te schrijven, hoedanig deselve zig zullen door bekentmaking bij blaccaat hebben te gedraagen, wanneerse Koebees„ „ten voor bij dewagt plaatsen van in„ „landsche vorsten vervoeren willen; En dat zijn Edele om zijn oogmerk des te beeter te berijken van voorneemens was een exemplaar aan den Koning van Grevancoor tesenden, met aan„ „schrijvens Vrijdag den 26: Maij 1769: en toesending van een Exemplaar aan trevancoor met versoek als nu den vervoer niet te verhinderen laten productie van het Concop plac daar schrijvens daarneevens: Dat terwijl hij nu zag, wat men op zijne klagten ge„ daan hadde, men in hoope leefde, dat hij nu ook de Noodige ordres zoude stellen dat de vaartuijgen van D' E Comp: en die van Haar Edele onderdaanen in de revieren door zijne wagters en Posthouders niet meer aangehouden, veel min gevisiteert en zelfs van hunne laadingen berooft wierden. Waar op het gem: Concept door zijn Edele geproduceert, geleesen en geresumeert zijnde, is met eenpaarige stemmen goed„ gevonden en verstaan hetselve in alle deelen volkomen te approbeeren, en zoodanig hier en op de subalterne Comptoiren telaaten publiceeren en affigeeren daar en zoo 't behoord, luidende 'tselve aldus; Christiaan 5 635. 499 Vridag den 26: Maij 1769. insertie daar van Ienff gouverneur en Directeur we„ gens den staat, en de generaale geoctroij„ eerde oostJndische Compagnie der vereenigde Nederlanden ter Custe Mallabaar Canara en wingurla, be„ nevens Den Raad van Politie te Cochim, Christiaan Lodewijk Allen den geenen die deezen sullen sien of Hoo„ „ren Deezen Saluit, Doen Te weeten: Dat Nademaal de koning van Jrevancoor aan ons zijn beklag heeft laaten doen, en wij ook buijten des teweeten zijn gekoomen, hoe verschijden Christenen Jooden en mooren, staande onder de Judicature en Protectie van de Edele Nederlandsche Compagnie
English
Friday, 26 May 1769. Company, in transporting and bringing cattle to this town or elsewhere, in passing by the posts and guards of His aforesaid Highness and of other princes, do not refrain from mistreating these animals not only by unnecessarily binding, pulling, and beating them, but also by holding the knife to their throats, yelling, and taunting the post commanders and guards with all kinds of scornful expressions, causing them the greatest displeasure and grief. And we can by no means permit that such acts of mischief are committed in a country where no coercion of conscience exists, and where everyone in peace and quiet ought to enjoy the liberty granted to him to live openly according to the rules of his faith, without thereby giving offense to his fellow inhabitants who are of another religion, much less to mock, provoke, and insult them through wanton derision. Therefore, wishing to provide against this in order to prevent all evil consequences that the aforesaid mischief could entail, we have thought fit to decree, order, and make known, as we hereby decree, order, and make known to all Christians, Jews, and Moors who are under the Dutch jurisdiction and protection: That when they transport cattle, they must take care to pass the posts and guards of the king of Crevancoor and of other princes in silence, and without making the least disturbance or commotion; and that if they are then hailed, stopped, robbed of their cattle, or in any other way mistreated by the post commanders or guards, they may lodge their complaint about this with the undersigned governor and expect justice and satisfaction. But in case they begin first, and unnecessarily mistreat the cattle while passing the posts and guards, or even mock and provoke the post commanders and guards with improper shouting, then not only shall the consequences remain on their own account, but they shall moreover be regarded as disturbers of the public peace, and effectively punished as such, whether in property, in money, or corporally, or by banishment, according as the circumstances and findings of the matter shall suggest and require. And to the end that no one may pretend any ignorance hereof, this shall not only be published and posted here in the city in the customary manner, but also translated into the Portuguese and Malabar languages and sent to all subordinate places and districts of the Honorable Company, so that everyone may obtain knowledge thereof and govern themselves accordingly, for the avoidance of all unrest, damage, and difficulties, as we find this to be proper for the best interests of the country and its inhabitants. Thus done and issued in the city of Cochim, 26 May Anno 1769. Abuses creeping in to the hindrance of public worship; resolved to provide against this by a proclamation. The Governor also informed the members that His Honour had been informed, and had even experienced himself, that for some years past various abuses had crept in and were prevalent during the celebration of public worship on Sundays and other distinguished feast days, to the considerable hindrance thereof. His Honour, having therefore deemed it necessary to provide against this as well, had drawn up a draft proclamation to avert and abolish those abuses. Which, having also been read and reviewed, was resolved to be published and posted both here in the city and outside, in order that everyone might govern themselves accordingly. Furthermore. Reading of various letters received from the subordinate offices. The resident of Calicoilan permitted to receive ƒ881:15:8 out of the treasury on account of the write-off of pepper. Authorization to the Paponettij resident to write off beams. To the Chettua employees, 3 parras of nelij shortage validated. Furthermore, after the reading of several letters, namely one from Calicoilan dated 20 current, one from Paponettij dated 12 April last, and one from Chettua dated 22 current, it was approved and agreed: To qualify the Resident of Calicoilan to receive there from the Company's treasury ƒ 881:15:8, on account of the permitted write-off of one and a half percent on a shipped parcel of 245017 lb of pepper in the ships Velsen and Popkensburg. Likewise to permit the Resident of Paponettij to write off two angelica beams which he used for propping up the Nelij Warehouse. And lastly, to grant the employees of Chettua authorization for the write-off of
Dutch transcription
Vrijdag den 26: Maij 1769. Compagnie, bij den vervoer en overbreng van koeijbeesten naar deeze stad of elders, in 't voorbij passeeren der posten en wagten van voormeldte zijn Hoogheijd en van andere vorsten, zig niet ontsien, die beesten niet alleen door onnoodig binden, trekken en slaan te mishandelen, maar ook dezelve het mes op de keel tezetten, te Joelen en de Posthouders en wagters door allerhande hoonende uijtdrukkingen als uijt te taar„ ten, en hen het grootste misnoegen en hartenleed te geeven; En wij geensinds toestaan kunnen, dat diergelijken bal„ daadigheeden gepleegt werden in een„ land, waar geen geweetens dwangplaats heeft, en waar een ieder in rust en vreede diend te genieten, de vrijheijd die hem toegestaan is, om volgens de regelen van zijn geloof in 't openbaar te kunnen leeven, zonder zijn meede Jnwoonders, die 636. 501 Vrijdag den 26: Maij 1769. die van eene andere religie zijn, daar door aanstoot tegeeven, veel min dezelve door moedwillige, spotternijen, tehoonen te tergen en te beleedigen: zo is het, dat wij hier in willende voorsien, tot voorkomin„ „ge van alle quaade gevolgen, die de voor„ meldte baldaadigheijd zoude kunnen na zig sleepen, goedgevonden hebben, testa„ „tueeren, te gelasten, en bekent te maaken, gelijk wij statueeren, gelasten en bekent maaken bij deezen, aan alle Christenen Jooden, en Mooren, die onder de Neder„ landsche Iudicature en protectie staan= Dat als ze koeijbeesten vervoeren, zij zorge moeten draagen, daarmeede de posten en wagten van den koning van Crevan¬ „coor en van andere vorsten te passeeren, in stilte, en zonder de minste beweeging of opschudding te maaken, en dat, als zij dan door de posthouders of wagters aange Vrijdag den 26: Maij 1769: aangeroepen, teegen gehouden, van hunne koeijbeesten berooft, of op eene andere wijze mishandelt werden, zij daar over aan den ondergeteekenden gouverneur hun beklag doen, en regt en voldoening verwagten kunnen, maar bij aldien zij eerst beginnen, en de Koeijbeesten in 't voor bij passeeren der posten en wagten, onnoodig mishandelen of zelfs de post„ „houders en wagters, door onbetamelijk geroep bespotten en tergen, dat dan de gevolgen niet alleen voor hunne reeke„ ning blijven, maar zij ook boven dien als stoorders van de gemeene rust aange„ merkt, en effective als zoodanig gestaaft zullen werden, het zij in goed of in geld, dan wel aan den lijve of met een ban„ nissement, na dat de omstandigheeden en bevinding van zaaken zulx aan de hand geeven en vereijsschen zal En 637 503 Vrijdag den 26: Maij 1769. En op dat niemand hier van eenige ig„ norantie pretendeeren, zo zal deeze niet alleen hier ter steede op de gewoone wijze gepubliceert en geaffigeert, maar ook in de portugeese en mallabaarse taa„ „len overgeset, en naar alle onderhoorige plaatsen en districten van de Edele Compagnie versonden werden, ten eijnde een ieder daar van zoude kennisse erlangen, en zig daar na reguleeren kunnen, ter vermijdinge van alle onlusten, schaade en moeijelijkheeden, alsoo wij zulx ten besten van den lande en dies Jnwoonders zoodanig bevinden te behooren Aldus gedaan en gegeeven in de stad Cochim den 26:' Meij Anno 1769: ook Vrijdag den 26: Maij 1769. misbruijken, tot hindernisse van „waard besluijt bij een bekent maaking daar in tevoorsien ook gaf den Heer gouverneur de Leeden Ken„ nisse, dat zijn Edele was g'informeert ge„ worden, en ook zelfs ondervonden had, dat hier zedert eenige jaaren herwaarts ver„ scheide misbruiken ingesloopen zijn den gods dienst ingeslopen ont, en in swang gaan, onder het pleegen van den openbaaren godsdienst op zon en andere gedistingueerde feest„ daegen tot merkelijke hindernisse van deselve; Dierhalve zijn Edele noodig g'oordeelt heb„ bende ook in deesen te voorsien, eene be„ „kentmaking in Concept had gebragt om die misbruiken te weiren en afte¬ „schaffen; Dewelke almeede geleesen en geresumeert zijnde, beslooten is zoodanig telaaten publiceeren en affigeeren zoo hier in de stad als daar buijten, ten einde een ider zig daar na zoude kunnen reguleeren a0 Wijders 638 505 Vrijdag den 26: Maij 1769. lectura van diverse brieven van de onderhoorige Comptoiren ont„ vangen decalicoilanse resident toege„ wegens afschrijving van paper te ontvangen „sen resident om balkjes afte schrij„ „ver aan de chettuase bediendens 3: parras nelij temin ontwaard gevalideert Wijders is na genomene lectura van verscheide brieven, als een van Calicoi„ lan de dato 20: Courant, een van Papo„ nettij, de dato 12: April Jongstleden, en een van Chettua de dato 22: deeser goedgevonden en verstaan; Den Resident van Calicoilan te qua„ staan om ƒ881:15:8. uijt Cassa„lificeeren om aldaar uit 'sComp:s Cassa temogen ontvangen ƒ 881:15:8. , wegens gepermitteerde afschrijving van een en een half percento op een afgescheep„ „te parthij van 245017: - lb: peper in de scheepen velsen en Popkensburg qualificatie aan den Paponelle zoo meede den Resident van Paponettij toetestaan om twee Angelika balkjas te mogen afschrijven, die hij tot het onderstutten van 't Nelij Pakhuijs ver„ bruijkt heeft En Laatstelijk de bediendens van Chettua qualificatie te verleenen ter afschrijving van
English
Friday the 26th of May 1769. Promotion of the bombardier Ian Hendrik Voogt to extraordinary fireworker. Of three parras of paddy, which were found deficient on 300 equal parras on account of the levied dues of the Lordship of Maprana. Furthermore, two petitions having been produced and read in the meeting by the Lord Governor from the bombardier Ian Hendrik Voogt of Nassau-Weilburg and Nicolaas Dorion of the Canton of Bern, both requesting the status of extraordinary fireworker, it was, after consideration and because the first-mentioned Voogt, according to the testimony of the Captain-Lieutenant and Head of Artillery van Asbeek, is of good conduct and possesses the required abilities, approved and decided to appoint him as extraordinary fireworker at the salary established for it of ƒ30 per month, and under an engagement of five years according to the regulations. Friday the 26th of May 1769. Advancement of the junior assistant Wolff to assistant at ƒ24 and of the soldier of the pen De Riberto to junior assistant. Just as likewise, on two other petitions submitted by the junior assistant Johannes Wolff and the soldier of the pen Frans De Riberto, both employed at the Political Secretariat, requesting promotion and an increase in salary, it was resolved and decided to promote the first-mentioned Johannes Wolff, on account of the ample expiration of his time and upon the good testimony of Secretary Schutz, to absolute assistant at ƒ24 per month under a new engagement of five years, and the last-mentioned Frans De Riberto, for the same reasons as just mentioned, to junior assistant at ƒ16 under an engagement of three years. Furthermore, on the proposal of the Lord Governor, it was decided to have the recently appointed small cashier, the Junior Merchant Johannes van Spall, provide surety for his obtained administration in the sum of four thousand ropias. Friday the 26th of May 1769. Decision to have the small cashier Van Spall provide surety for 4000 ropias and the Paponetty Resident Breekpot for 1000 rixdollars. 26 lbs of indigo received from there shall be sent back. As well as to write to and instruct the Resident at Paponetty, Joost Breekpot, at the first opportunity that, since he has not yet provided sureties for his office as Resident, he shall still have to do so in the sum of one thousand rixdollars, because in case of further delay his salary will have to remain withheld until the aforesaid sum is submitted; Likewise, that the 26 lbs of indigo recently sent here by him without orders or authorization cannot be accepted but will be sent back, and that he will have to repay the cost thereof into the Company's treasury. Friday the 26th of May 1769. The revised invoice for Cannanore brought into draft. The servants are urged to comply with it. They do not enter the charges on the peppers equally. Lastly, upon a revised invoice for Cannanore produced and summarized by the Lord Governor, it was approved and decided to instruct the servants strictly to comply with the contents of the remarks set down therewith; and as His Honour indicated that he had observed that the servants there do not enter the charges on pepper being shipped out equally in their specifications, but now more and then less, whereas the shipment at Cannanore is nevertheless always the same, it was, on the proposal of the well-mentioned Lord Governor, approved and decided once and for all to validate no more charges to the servants of Cannanore on the shipment of pepper than two ropias or ƒ2:8:— per candeel, just as this has also been fixed and put into practice at Porca, as the Council judged that this could well be applied to Cannanore, since the shipping there is no more difficult than at Porca. Decision to fix the same at ƒ2:8:— per candeel. Thus resolved and decreed in the Council of Malabar in the city of Cochin, on the day, month, and year aforesaid. C: L: Senff Was signed: P: v: d: Heijden, M: Notermans, S: C: Saffin, I: L: v: Spall, and A: R: Schutz. Thursday the 29th of June in the year 1769, in the morning at nine o'clock. All present. Note that the approved placards have been published. Item that a corporal with four men was sent to the Mud Bay on the English ship. Before proceeding to the transaction of business, note was taken: Firstly: That the placards which were summarized and approved at the session of the 26th of May last were proclaimed on the 29th thereafter, and that the Lord Governor, pursuant to the aforesaid resolution, also dispatched a copy to the King of Travancore on that day; Secondly: That on the same day a corporal and four European common soldiers were sent to the southern Mud Bay to board the private English small vessel (which lies there to overwinter) named Caesser and commanded by Captain Francis Scott, to
Dutch transcription
Vrijdag den 26: Maij 1769. bevordering van den bombardier „nair vruirwekker van drie Parras Nelij die op 300: gelijke par„ „ras wegens de aangebragte geregtigheit van de Heerlijkheit Maprana temin bevon„ „den zijn Door den Heere gouverneur wijders in ver„ gadering geproduceert en geleesen zijnde twee Requesten van de Bombardier Ian Hendrik voogt van Nassauw Weilburg en Nicolaas Dorion van Canton Bern beide versoek doende om de qualiteijt Ian Hendrik voogt tot Extraordin van Extra ordinair vuurwerker, zoo is na overweeging en uit hoofde den Eerst gem: voogt volgens getuigeniss van den Capitain lieutenant en hoofd der Arthil„ lerie van Asbeek van een goed gedrag en de vereischte bequaamheeden heeft, goedgevonden en verstaan denselven tot Extra ordinair vuurwerker aantestel„ len, met de daar toe staande gagie van ƒ30:– per maand, en onder een verband van De H 639 507. Vrijdag den 26:' Maij 1769. advancement van den Iong assis„ tent woelf totaststent met ƒ: 24: en van den soldaat aan depen De Riberto tot Jong assistent van vijff Jaaren volgens het Reglement zoo als insgelijks op twee andere ingedien„ de Requesten van den Jong assistent Iohannes Wolf en den soldaat aan de pen Frans De Riberto, beide ter secretarije van Politie bescheiden versoek doende om bevordering en ver beetering in gagie, geresolveert en ver„ staan is, den Eerst gem: Johannes Wolff mits ruijme tijds Expiratie, op het goed getuigenis van den secretaris schutz te bevorderen tot Absoluit ad„ sistent met ƒ24: ter maand onder een Nieuw verband van vijff Jaeren En laatst gem Frans De Riberto van om deselfde redenen als even gem: tot jong adsistent met ƒ 16: onder een verband van Drie Jaeren Nog is op den voorstel van den Heer gouverneur verstaan den Jongst aange„ „stelden Vrijdag den 26: Maij 1769. spall borg en telaten stellen voor 4000. rosa en den paponettijse resident Breekpot voor rd=s 1000: 26: lb: indige van daar ontvan„ „gen zullen terig gesonden werden besluijt den kleen cassier van stelden Klijn Cassier, den onderkoopman Johannes van Spall voor desselfs ver„ „ borg stellen kreegene administratie te laaten, voor de somma van vier Duijsend Ropias; Mitsgaders den Resident te Paponettij Ioost Breekpot bij eerste geleegentheit aanteschrijven en tegelasten, dat ver„ „ mits hij nog geen Borgen heeft ge„ stelt voor desselfs bediening als Re„ sident, hij zulks als nog zal hebben te doen, voor de somma van een Duij„ send Rijxdaalders, dewijl bij langer tardance desselfs gagie zal moeten blijven staan, tot dat de voorsz: som„ „ma ingediend is; Zoomeede dat men de 26: lb: indigo door hem Jongst buijten ordre of qualifica„ tie herwaarts gesonden niet kan accep„ teeren maar terug senden zal, dat hij het kostende van dien wederom in sComp:s 640 509 Vrijdag den 26: Maij 1769. den verbeterde factuur voor Cananoor in concept gebragt ging aanbevoolen deselve brengen de ongelden op de pepors niet egugal of sComp:s Cassa zal hebben te voldoen; Zijnde Laatstelijk nog op een door den Heer gouverneur geproduceerde en geresumeerde verbeeterde factuur voor Cananoor goedgevonden en woord de bediendens tot havol„ verstaan de bediendens te gelasten, aan den inhoud van de daar bij ter neder gestelde aanmerkingen stiptelijk tevoldoen, en alsoo zijn Edele tekennen gaf, ontwaard te heb„ ben dat de Bediendens aldaar de ongelden op afgescheept werdende Peper bij hunne specificaties niet eguaal maar dan meer en dan minder opbrengen, daar egter den afscheep te Cananoor altoos even gelijk is, op de propositie van welm: heer gouverneur, goedgevonden en verstaan, de bediendens van Cana„ noor eens voor al aan ongelden op den an besluijt deselve te bepalen op ƒ218:- per Candijl Vrijdag den 26: Maij 1769. den afscheep van Peper niet meer te valideeren als twee Rop:s of ƒ. 2:8: — per Candijl zoo als zulks te Porca mede bepaald en in train gebragt is, alsoo den Raad oordeelde dat het daarmede op Cananoor wel testellen, dewijl den afscheep aldaar niet moeijelijker is als te Porca Aldus Geresolveert en Gearres„ teert in Rade van Mallabaar ter steede Cochim, ten dage Maand en Iaere voormeld C: L: Sinff /was getekend:/ k P: v: d: Heijden, M= Notermans, S: C: Saf„ „fin, I: L: v: Spal, en A: R: Schutz. - Donderdag 641 Donderdag Alle Present placcaten gepubliceert sijn vier man na de modderbaaij Alvoorens ter verhandeling van zaa„ ken overtegaan, wierd aanteekening gehouden, Eerstelijk; Dat de placcaaten die ter sessie„ van den 26: maij Jongstleeden geresumeert aantekening dat de g'approbeerde en g'approbeert op den 29: daar aan zijn afgekundigt, en dat den heer gouverneur ingevolge het voorm: besluijt ten dien dage ook een Exemplaar aan den ko„ ning van Trevancoor afgesonden heeft; Tweedens, dat ten selven dage een Corporaal item dat een Corporaal met en vier gemeene Europeeze militairen op het engelseh ship is gesonden na de zuider Modderbaaij zijn gesonden om op het particulier Engelsch scheepje /het welk aldaar legt te oerwinteren:/ genaamt Caesser en gecommandeert bij Capitain Francis Scott, naar Smorgens ten Negen uuren den 29: Iunij Ao 1769. ouder 511
English
Thursday 29 June 1769. King of Cochin announced that the Crown Prince must perform. To keep the watch according to old custom; Thirdly, that on the 5th of the current month a packet of letters from Ceylon was received via the Tuticorin overland route, in which the ministers communicate the arrival of Popkensburg there on the 8th of May last, with pepper, cowhides, and rice, while the said packet primarily served for the conveyance of the ministers' duplicate advices, and a letter for the Surat ministers, which will be further addressed on the first occurring occasion; Fourthly, that the King of Cochin, having informed the Lord Governor by an ola of the performance of certain solemnities by the Cochin Crown Prince, His Honour sent the senior chief interpreter to the court of Cochin de Cima to compliment His Cochin Highness on that account, offering the following present: Draft present to the King of Cochin, on the celebration of the feast on account of the wearing of the first thread by His Highness's cousin, on this day: Cost price: Selling price: 1 lb mace: ƒ —:12:4; ƒ 6:10:— 3 lb cloves: ƒ 1: 4:8; ƒ 15:—:— 4 lb nutmegs: ƒ —:16:4; ƒ 12:—:— 494 lb net powdered sugar, or 1 canasser: ƒ 42:14:8; ƒ 81:10:8 ½ piece Malabar linen, to tie the spices together: ƒ 1:10:8; ƒ 1:16:8 Total: ƒ 46:19:—; ƒ 117:7:— Cochin, 15 June Anno 1769. Was signed: David Kelly. Furthermore, that on the same day the Lord Governor went to live in the Commandery, which has now been repaired of its principal defects and made habitable, and finally, Fifthly, that the main cash chest was transferred thither from the Company's trade warehouse; Whereupon, after prior summons by the Lord Governor, appeared in the meeting one after another with their petitions: The assistant and sworn clerk of justice Adriaan Poolvliet; The assistant Johannes Benning, stationed at the Trade Office; both requesting, in view of long years of service and ample expiration of time, to be promoted to bookkeeper; The junior assistant Arnoldus Harmensz, stationed at the Pay Office, to be promoted, in view of ample expiration of time, to absolute assistant; The soldier-clerk Jan Jochem Radewant, stationed at the Trade Office, to be promoted to junior assistant; The clerk Albertus Boeregter, serving at the Pay Office, making a similar request, as well as the soldier Leendert Cardozo, serving with the chief interpreter, to be likewise promoted; And finally, the free young men Johannes Huygens, Jacob Wolff, and Hendrik Jacob Verduyn, the first serving at the Pay Office and the two latter under the chief surgeon in the hospital, to be accepted into the Company's service; Which having been deliberated, it was approved and understood, in consideration of the fact that the first six petitioners have amply served out their last contracts, and that they furthermore, according to the nomination and testimony of their respective masters, are collectively diligent and capable subjects who give good satisfaction in the service and thus well merit these marks of favor, to promote the two first-mentioned assistants Poolvliet and Benning to bookkeepers at ƒ 30 per month; the junior assistant Harmensz to absolute assistant at ƒ 24; and the three last-mentioned Radewant, Boeregter, and Cardozo to junior assistants at ƒ 16 per month; the first three under a contract of three years and the three last-mentioned of five years; Whereas on the contrary, the request of the three last-mentioned to enter into service is as yet denied until a further occasion, for reasons moving the Lord Governor and Council thereto; Finally, Sergeant Johannes Wiegel van Silverhousen also appeared in the meeting, delivering a petition annexed to a written attestation from the Major and head of the militia, the Honorable Jan Hendrik Medeler, in which he indicates that he has reached the age of 60 years and has served the Honorable Company for 29 years thereof, and during that time, both in the Travancore and Samorin wars, received four severe wounds, wherefore, in view of old age and increasing infirmities, he requests to be pensioned among the retired servants with the enjoyment of his full salary, or if such cannot be done, with a favorable pension.
Dutch transcription
Donderdag den 29: Iunij 1769. Koning van Cochim op bekent„ niet den kroon prins moet werden verrigt ouder usantie dewagt te houden; Ten Derden, dat op den 5: Courant een pac„ ontvangstamn diverse dieven quet brieven van Ceijlon over den Jutuco rijnsen landweg ontvangen is, en waar bij de ministers bedeelen het arrivement van Popkensburg aldaar op den 8: Maij Jongstleden, met peper koehuijden en rijst, terwijl het gem: pacquet voorna„ mentlijk gedient heeft ten geleede van der ministers Copia advizen, en een briev voor de souratse ministers, waar aan bij Eerstvoorkomende occagie verder addresse staat besorgt tewerden; Ten vierden, dat den koning van Cochim geschenkje afgegeven aan den bij een ola aan den Heer gouverneur ge„ making dat zeekere plegtigheijd rigt, hebbende laten bekent maken het verrigten van zeekere plegtighee„ den door den Cochimsen Kroon prins, zijn Edele den oppertolk van Jongeren na 't hoff van Cochim de Sima gesonden heeft 642 513 Donderdag den 29:' Iunij 1769 heeft om zijn Cochimse Hoogheit dier„ weegens te Complimenteeren, onder aan bieding van het ondervolgend geschenkje Project Schenkagie, aan den koning van Cochim, op de Celeberatie van het feest wegens het draagen van het Eerste Lijntje van zijn hoogheid Cozijn, ten deezen dage inkoops uijtkoops 1: lb: foelij. ƒ —12:4 ƒ 6: 10: — 3:- „ Nagulen „ 1: 4: 8„ 15: 15: — 4:– „ Nooten „ —. 16: 4„ 12:— 494: „ N=t suijker poeder, of 1: kanasser „ 42:14:8: „ 8:10:8 — ½ p:s Mallabaarse linne, tot samen binding der specerijen. . . . „ 1:10:8 „ 1: 11: 8. Somma ƒ46: 19: — ƒ117: 7:— Cochim den 15: Iunij Anno 1769. /was getekend / David Kellij. Voorts dat ten selven daage den Heer gou„ verneur in 't Commandement /:dat thans van . . Donderdag den 29: Iunij 1769. in 't Commandement. gebragt. benning versoeken advan„ cement tot boekhouder om verbetering tot assistend. intrek van den gouverneur van zijne voornaamste gebreeken gerepa„ reert en bewoonbaar gemaakt:/ is gaan woonen, en eindelijk, Ten vijfden, dat de groote geld Cassa uijt de groote geld Cassa derwaarts 'sComp:s Negotie pakhuijs na derwaarts overgebragt is; Waar na op voor afgedaan ontbod van den heer gouverneur na den anderen met hunne requesten in vergadering ver„ scheenen zijn; Den Assistent en geswoore Clerq van Justitie Adriaan Poolvliet; Den ten Negotie Comptoir bescheijden de adsistenten pootvliet en assistent Iohannes Benning beijde versoek doende om mits lang jaarige diensten en ruijme tijds expiratie be„ vordert temogen werden tot boekhouder„ Den ten soldij Comptoir bescheiden Jong. den Jong absistend harmensz: assistent Arnoldus Harmensz: om mits ruijme tijds expiratie tot absoluit assistent 643 515 Donderdag den 29: Iunij 1769. „regter en Cardosa om bevorde„ „ring tot Jong adsistenten en verduijn om in dienst aan„ genomen te worden. assistent te mogen werden bevordert; Den ten Negotie Comptoir bescheiden soldaat aan de pen Jan Jochem Rade„ „want om tot Iong assistent te mogen werden bevordert; Den ten soldij Comptoir dienst doende de pennisten Radewant Boe„ pennist Albertus Boeregter instee„ „rende om een gelijke bevordering zoo mede den bij den oppertolk dienstdoende soldaat Leendert Cardozo om ins„ gelijks temogen werden bevordert; En Eindelijk de vrij Jongelingen Iohannes de Jongelingen Huijgens wolff Huijgens, Jacob Wolff en Hendrik Iacob verduijn, den eersten op 't soldij Comptoir en de twee laatsten bij den opperchirurgijn in 't hospitaal dienst doende, om in 'sComp:s dienst aangenoo„ men: tewerden; Waar over gedelibereert zijnde, zoo is uijt Consideratie, dat de ses Eerste supplianten 9 den Donderdag den 29: Iunij 1769 Benning harmensz: Rade„ supplianten hun laatste verbanden ruim uijtgediend, en dezelve wijders volgens voordragt en getuijgenisse van hunne respective baazen, gesamentlijk naarstige en bequaame subjecten zijn, die goed genoegen in den dienst komen tegeven, en dus deeze gunst bewijzen wel meriteeren, goedgevonden en ver„ „bevordering van Poolvliet staan de twee eerstgemelde assistenten want boeregter en Cardosa Poolvliet en Benning te bevorderen tot boekhouders met ƒ 30: ter maand den Jong assistent Harmensz: tot absoluit assistent met ƒ24: en de ƒ drie laatstgem: Radewant, Boereg„ „ter en Cardozo tot jong assistenten met ƒ 16: per maand de drie Eerste onder een verband van drie en de drie laatst gem: van vijff Jaaren; Waar en tegen het versoek van de drie laatsten tot nader gelegentheid voor als 644. 517 Donderdag den 29: Iunij 1769. versoek om in dienst te komen gegagieert te mogen werden ontsegging van der Jongelingen als nog is ontsegt, om redenen den heer gouverneur en Raad daar toe moveerende; Eindelijk, is ook nog in vergadering ver„ scheenen den sergeant Johannes wil„ „gel van Silverhousen, overleverende een request annex een schriftelijke at„ testatie van den Majoor en hoofd der den sergeant wiegel versoekt Militie D' E Ian Hendrik Medeler, waar bij denselven tekennen geeft, dat hij den ouderdom van 60: Jaaren bereijkt, en daar van D' E Comp: 29. Jaaren gedient, en geduurende dien tijd zoo in den Trevancoorsen als sommorijnse oorlog vier swaare quetsuuren ontvangen heeft, dierhalve mits hoogen ouderdom en toenemende gebreeken versoek Doed om met het genot zijner volle gagie, dan wel zulks niet geschieden kunnende, met een favorabel gagement onder de rustende Dienaren 17
English
Thursday the 29th of June 1769. per month servants to be placed; Whereupon, this having been deliberated and the petitioner's request taken into consideration, it was approved and agreed to grant him the ordinary retirement pay of f 12: per month, according to the regulations, agreed with f 12:-:- as the Lord Governor and Council judge it to be contrary to the orders and the express prohibition of their High Excellencies to place anyone on emeritus status with full pay; furthermore, his petition and attestation are inserted here according to the order for reflection. To the Right Honorable Worshipful Lord Christiaan Lodewijk Senff Governor, Director, and Commander-in-Chief of the Coast of Mallabaar, Canara, and Winguala, etc., etc. Right Honorable Worshipful Lord! Shows . 645. 519 Thursday the 29th of June 1769. Shows in the most humble manner Johannes Wiegel, a native of Zilverhausen, aged 60 years, sergeant in the service of the Honorable Company, how he, in the year 1740, with the ship Marseveen for the Chamber of Amsterdam as a soldier at f 9, arrived in Batavia and in the year 1741 arrived here on the Mallabaar, and subsequently in the year 1745 was promoted to corporal, in the year 1748 to captain d'armes, and sergeant, in which latter capacity he, the petitioner, has had the honor to serve the Honorable Company for the period of 21 years, during which time he, the petitioner, has had the misfortune of receiving four severe wounds, both in the war against the King of Trevancoor and in that against the Samorijn, and has subsequently always, as he hopes, comported himself in the fulfillment of his bounden duty and conduct Thursday the 29th of June 1769. as befits an honest man, to the satisfaction of his commanding officer gentlemen; and whereas he, the petitioner, at present, to his great sorrow, both because of the abovementioned wounds as well as his advanced years and continuously decreasing strength, finds himself unable, according to his willingness and desire, properly to satisfy the Honorable Company in the fulfillment of his duty, and consequently to be able to serve any longer, it is therefore that he, the petitioner, takes the liberty of turning most submissively to Your Right Honorable Worship, most humbly requesting that it may please Your Right Honorable Worship to grant him, the petitioner, to be allowed to spend in tranquility that short time which he still has to live, and to favor him, the petitioner, in consideration of what has been cited herebefore, 646. 521 Thursday the 29th of June 1769. with the enjoyment of his full pay, or else, such not being able to take place, with a favorable pension. Was signed below: Which doing, etc., etc. Signed: Johannes Wiegel. I, the undersigned Ian Hendrik Medeler, Major and Head of the honorable militia here, testify and declare that the Sergeant Johannes Wiegel of Zilverhausen, since the time that he has been under my command, has always behaved as a worthy non-commissioned officer, and is at present, due to advanced age and physical infirmities, unable to perform his service properly any longer, which declaration I have granted at the request of the said Wiegel, and remain prepared to confirm, if necessary, under oath. Cochim Cochim the 1st of June, Anno 1769. Signed: I. H. Medeler. Now proceeding to the further transaction of affairs, the Lord Governor was pleased to say that His Honor, having understood that the leper house has some gardens on loan from the deaconry poor of this city, to whom the same were formerly granted by the Honorable Company in order to enjoy the usufruct thereof and to serve as relief for the expenses that must be incurred for those poor; That, whereas the latter for several years had sufficient income to make ends meet, and even had something left over, whereas on the other hand the administrators of the leper house were mostly falling short, such was the reason why the said gardens were left to them; but as, due to the Thursday the 29th of June 1769. increase 647. 523 Thursday the 29th of June 1769. under the care of deacons separate books but only good to keep increase of the poor, their expenses also increase, now again the contrary happened, namely that the lepers have a surplus and hand over the excess annually to the deaconry, so that the Commander was continually troubled with such requests. That the present scope of the last-mentioned charitable institution is of so little importance that the keeping of special books and regents over the same could easily be excused, and the care, administration, and accounting could be placed under the deacons or overseers of the poor, provided they solely take care to keep proper record of that which is spent on the said charitable institution, and annually make accounting, proof, and clearance of their administration, Proposition the leper house shall of that charitable institution no record of the spent, Thursday the 29th of June 1769. just as is customary; Whereupon, this having been deliberated, it was approved and agreed to accept the proposal of the Lord Governor, and consequently decided to transfer the management and supervision of the leper house, as of the end of August next, to the deacons of this city, as well as to charge the present outside regents, the Merchant and Fiscal Jacob van der Sleijden and the Junior Merchant and Pay-Bookkeeper Hendrik Notermans, to make transfer on the said date to the aforesaid overseers of the poor of the said charitable institution along with that which belongs thereto, and of which notification shall be given to them by extract from this resolution to serve for their instruction; Furthermore, it being observed by the said His Honor The proposal is accepted. end of August to deaconry to make transfer the regents shall under
Dutch transcription
Donderdag den 29: Iunij 1769. per maand Dienaren temogen werden gesteld; Waar over gedelibeert en des suppliants versoek in overweging genomen zijnde, is goedgevonden en verstaan aan denselven toeteleggen de ordinaire rust gagie van woord g'accordeert met ƒ12:—: — ƒ 12: per maand, volgens het reglement, als oordeelende den heer gouverneur en Raad strijdig met de ordres en het expres verbod van haar hoog Edelheedens, om niemand met volle gagie emeritus dte„ „stellen; werdende voorts desselfs request en attestatie na de ordre in deezen tot speculatie g'insereert. Aan den Wel Edele Agtb: Heer Christiaan Lodewijk Senff gouverneur Directeur en opper„ gebieder der Custe Mallabaar — Canara en Winguala &:a &:a Wel Edele Agtbaare Heer! geeft . 645. 519 Donderdag den 29: Iunij: 1769. geeft op het aldersubmiste te kennen Johan„ nes wiegel geboortig van zilverhausen oud 60: Jaaren, sergeant in dienst der E. Comp:, hoe dat hij in den Jaare 1740: met 't schip Marseveen voor de Kamer Amsterdam voor soldaat met ƒ9: op Batavia en in 't Jaar 1741: alhier op de Mallabaar aan„ geland, en vervolgens in den Jaare 1745: gevordert tot Corporaal in den Jaare 1748. tot Capitain d'armes en sergeant in welke laaste qualiteijt hij supp:t de Eere gehand heeft, de E. E: Compagnie te dienen den tijd van 21: Jaaren geduurende welken tijd hij supp:t het ongeluk heeft gehad vier swaare Blessuuren te ontvangen, zoo in den oorlog teegens den koning van Trevancoor als in dien teegens den sammorijn, en vervolgens zig althoos /zoo hij verhoopt:/ in 't naarkomen van zijne schuldige pligt en gedrag gecom„ „porteerd Donderdag den 29: Iunij 1769. porteerd heeft als een eerlijk man betaamt, ten vergenoegen van zijne gebiedende Heeren officieren; en alsoo hij supp:t thans, tot zijn groot leedweesen zoo door de boven gemelde Blessuren, als zijne hooge Jaaren, en geduurige afneemende kragten, zig buijten staat bevind, om naar zijne bereijdwillig„ „heit en verlangen de E: Compagnie in het naarkoomen van zijne pligt behoor„ lijk tekonnen voldoen, en dienvolgens lan„ ger tekonnen dienen, zoo is 't dat hij supp:t de vrijheijd neemt zig onderdaa„ nigst te wenden tot uwel Edele Agtbaare op het ootmoedigst versoekende, dat het zijn wel Edele Agtbaare behaagen mag hem supp:t te vergunnen, dien korten tijd, dien hij nog te leeven heeft in gerustigheijd temoogen doorbrengen en hem suppt uijt aanmerking van het hier voor aangehaalde tebegena„ digen 646. 521 Donderdag den 29: Iunij 1769 digen met het genot zijner volle gage dan wel /:zulks niet kunnende geschieden :/met een favorabel gagement /:onderstond/ 'T welk Doende &: &: /:was getve:/ Johannes wiegel;— Ik ondergeschreeven Ian Hendrik Me„ deler Majoor en hoofd der honorable militie alhier getuijge en verklaare dat den zergeant Johannes Wiegel van zilverhausen, 't sedert den tijd dat denselven onder mijn Commando geweest is, sig althoos als een braaf onder officier gedraagen heeft en thans door hooge ouderdom en lighaams gebree„ „ken buijten staat is sijn dienst langer nabehooren te kunnen presteeren, wel„ „ke verklaaring ik op het versoek van gem: wiegel hebbe verleend en bereijt blijve des noods met Eede te bekrag„ „tigen Cochim Cochim den 1: Iunij Anno 1769. /was getve:/ I: H: Medeler. Als nu, ter verdere verhandeling van zaa„ „ken treedende, geliefde den heer gouverneur te zeggen, dat zijn Edele verstaan hebbende, dat het Leprosenhuijs, eenige thuinen terleen heeft van de diaconije armen dezer steede, aan wien deselve wel eer door D' E: Comp: geschonken zijn, om daar van het vrugtgebruijk te genieten, en tedienen tot soulaas der ongelden die aan die armen moeten gedaan werden; Dat dewijl delaatst gemelde over eenige jaaren genoegsaame inkomsten hadden om te kunnen rondschieten, en selfs iets overhielden, waar en tegen de besergers van 't leprosenhuijs meesten tijds tekort schooten, zulks de reeden was, waarom men de gem: thuinen aan dezelve over„ gelaten heeft; Maar nadien door de Donderdag den 29: Iunij 1769. vermeerdering 647 523 Donderdag den 29: Iunij 1769. onder de sorge van diaconen apparte boeken maar alleen goede de houden vermeerdering der armen, ook hunne uijtgaven vermeerderen, thans wederom het contrarie gebeurde, dat de leprosen overhouden en het meerdere Jaarlijks aan de diaconij overdoen, invoegen de gebieder telkens met diergelijken ver„ soeken lastig gevallen werd. Dat den tegenswoordigen omslag van 't propositie het leprosenhuijs laatst gem: godshuijs van zoo weinig belang, dat het houden van expresse boekjes en Regenten over het selve ge„ makkelijk zouden geexcuseert, en de besorging, administratie en verantwoor„ ding onder de Diaconen of arm besor„ gers kunnen werden gesteld, mits de„ sullen van dat godshuijs geen zelve eenelijk sorg draagen om van aantekening van het bekostig, het gene aan gem: godshuijs bekostigd werd, behoorlijke aanteekening te houden en Jaarlijks van hunne administratie reekening, bewijs en reliqua te doen zoo Donderdag den 29:' Iunij 1769. teerd. ultimo augustus aan diaconij transport te doen zoo als dat gebruijkelijk is; Waar over gedelibereert, zijnde, is goedge vonden en verstaan den voorstel van den heer gouverneur te amplecteeren, en dien„ den voorstel word g'amplec„ volgende beslooten het bestier en opsigt over het Leprosenhuijs onder ultimo aug:o aanstaande optedraagen, aan de Diaconen dezer steede, mitsgaders de presente buijten regenten den Coopman de regenten sullen onder en fiscaal Jacob van der sleijden en den ondercoopman en soldij boekhou„ „der Hendrik Notermans tegelasten onder gem: datum aan voorsz: arm be„ sorgers transport tedoen van gem: godshuijs met het geen daar toe behoord, en waar van bij Extract uijt dit be„ sluijt aan dezelve zal kennisse wer„ „den gegeven, om te dienen tot derselver narigt; Wijders door welmelte zijn Edele opgemerkt zijnde
English
648 5gt 525 Thursday the 29: June 1769. Over the Reformed church to be placed. Proposal to appoint a churchwarden. That there is no one here who oversees the Reformed church in this place, whereas it is customary everywhere that a person of standing is placed over such religious buildings, to care for their maintenance, and to see to it that they are kept clean, that necessary supplies are provided, and that defects are repaired in due time; and by which the ruler here, for want of such an overseer, is constantly troubled and very easily disturbed in weightier matters; which could be prevented if a churchwarden were appointed over the aforesaid church, to whom the sexton and others who had matters to present concerning that house of God might address themselves, and who also Thursday the 29: June 1769. That office is assigned to the Fiscal van der Sleijden. could at the same time see to it that the repairs are properly carried out and that the expenses charged are genuinely incurred; And as the Council agreed with the Governor that for the aforesaid purpose a churchwarden ought to be appointed, it was approved and agreed upon the proposal of His Honour to assign the said office of churchwarden to the Merchant and Fiscal Jacob van der Sleijden, who has sufficient leisure for it, and who also accepted the same with all willingness; The Governor, continuing the proceedings, reminded the members that for reasons mentioned in the resolution of the 18: February, a decision was taken, in compliance with the orders of Their Honours, to 649 527 Thursday the 29: June 1769. Arrangements made regarding Chettua. Reiteration of the arrangement of the stationed personnel. Proposal to have the cannon fetched from there. And to place there the accompanying personnel. remove all servants and effects from Chettua and Coilan and to leave there only a resident with some native servants, as at Porca, but to postpone the leveling of the fortifications until further news should be obtained from Batavia; That since it is now in the middle of the bad monsoon and the rivers have swollen high enough due to the abundant rains that have fallen, to be able to make use of boats, in order to make a start for now with fetching the artillery at Chettua and the further reduction; That His Honour judged that there could be placed provisionally and until further orders: 1: Bookkeeper as Resident 1: assistant Thursday the 29: June 1769. 1: assistant, to learn the duties 1: Interpreter 1: European Corporal 6: topass soldiers and 6: Lascars who also, if necessary, will be able to keep guard at Poelicarro and at the mouth of the river of Chettua; Having deliberated upon this, the members concurred with the proposal of the Governor, and also resolved to have an estimate prepared by the Honorable Second Kellij of what these personnel will cost in all annually, as well as a list of the effects that will need to remain there, in order to be able subsequently to decide further what is necessary in that regard, and to arrange everything in such a manner 650 529 Thursday the 29: June 1769: Request of the King of Cochin for 6000: rds from the customs duties. Decision to have 3000: rds supplied to His Highness. that the Commandant Bekker will be able to make the transfer to his replacement on the last day of August next, and to have him, along with the garrison, come up hither; Furthermore, His Honour informed the meeting that the Paliath Achan has recently been here in the city, and in the name of his master, the King of Cochin, made a very earnest request to be allowed to receive His Highness's share in the customs rights of this year, amounting to about 6000: rixdollars, since His Highness is in the utmost need of those funds for the celebration of the first mourning feast of his deceased mother; Yet, as that sum is somewhat large and His Highness's debt still amounts to a considerable sum, for the recovery of which care must also be taken; Thursday the 29: June 1769. Reluctance of the inhabitants to give payment to those who apprehend slaves. it was approved and agreed, upon the proposal of the Governor, and yet to accommodate that prince in his embarrassment, to have supplied to him the half of the aforesaid sum or 3000: rixdollars, and to debit His Highness for that amount on his account, to be settled again with His Highness's revenues from the aforesaid rights; The Governor further informed the Council that His Honour has been informed that many private persons show themselves unwilling to give a proper payment to those who sometimes apprehend and bring back runaway slaves, whereas it is nevertheless 651. 531 Thursday the 29: June 1769. The Governor has therefore drafted a notice. Both for freemen and bondservants. Determination of the apprehension fee. highly equitable that such should not only be done, but also that everyone should know what he may expect for his trouble in such a case; Therefore His Honour had drafted a notice, whereby it was stipulated that all those who apprehend and bring back a runaway, whether freemen or bondservants, shall immediately upon the handover receive in cash, for a free person, whether soldier, sailor, craftsman, or whatever name he may bear, 10: ropias or 200: fanams, and for a bondservant, man, woman, or child, 5: ropias or 100: fanams; And in order that this order should take effect all the better, His Honour had at the same time judged it necessary to make known therein that the Fiscal was instructed
Dutch transcription
648 5gt 525 Donderdag den 29: Iunij 1769. over de gereformeerde testellen. zijnde, dat hier niemand is die over de propositie om een kerkmeester gereformeerde kerk alhier, het opsigt waarneemt, daar egter over al gebruij„ kelijk dat een aansienelijk persoon over diergelyken godsdienstige gebou„ wen gesteld is, om voor derselver on„ der houd zorg tedragen, en het oog tela„ ten gaan dat het selve schoon gehou„ „den, het benoodigde verstreckt, en de „ tijd gebreeken op sijn „ gerepareert werden; en waarmeede de gebieder hier bij ge„ brek van diergelijke opsiender tel„ kens lastig gevallen en heel ligt in gewigtiger bezigheeden gestoort werd; het welk zoude kunnen werden voor„ gekomen, indien er een kerkmeester over de voorsch: kerk aangesteld wierd, aan wien de koster en andere die iets van wegen dat godshuijs voortedragen hadden, zig addresseeren, en dewelke ook Donderdag den 29: Iunij 1769. word dat ampt opgedragen ook teffens het oog zoude kunnen laten gaan, dat de reparaties behoorlijk ge„ schieden en het opgebragte wezentlijk bekostigt is; En alsoo den Raad het met den heer gouverneur eens was, dat ten voorsch: einde een kerkmeester behoorde tewer„ den fiscaal van der sleijden „ den aangesteld, is op de propositie van zijn Edele goedgevonden en verstaan het gem: ampt van kerkmeester op„ tedragen aan den Koopman en fiscaal Jacob van der Sleijden, die daar toe wel vaceeren kan, en hetselve ook met alle bereijdwilligheijd aangenog„ men heeft; Den heer gouverneur de besoigne vervol„ gende erinnerde deleeden, dat om redenen vermelt ter resolutie van den 18: febru„ arij, een besluijt genomen is, in voldoe„ ning van Haar Edelheedens ordres, om van 649 527 Donderdag den 29: Iunij 1769. omtrent Chettua gemaakt van daar te laaten halen staande manschap herhaling der schikkinge van Chettua en Coilan alle bedien„ dens en effecten weg teneemen en daar eenelijk een resident met eenige Jnland„ se bediendens telaaten, zoo als te Porca, dog het slegten der visting werken uittestellen tot dat men van Batavia nadere tijding zoude hebben erlangt; Dat dewijl het thans in het midden van de quaade mousson en door de menigvuldige gevallene regens de re„ vieren hoog genoeg opgeswollen zijn, propositie om het canon om zig van gamellen te kunnen 2 bedienen, om voor eerst met het af„ haalen van 't geschut te Chettua en de verdere reductie een begin tema„ ken; Dat zijn Edele oordeelde, dat aldaar en daar te plaatsen de neven bij provisie en tot nader ordre zoude kunnen geplaatst werden. 1: Boekhouder als Resident 1: assistents Donderdag den 29: Iunij 1769. met dien voorstel 1: assistent, om aanteleeren 1: Jolk 1: Europeese Corporaal 6: toepasse soldaten en 6: Lascorijns die ook teffens, indien zulks noodig, de wagt zullen kunnen houden te Poelicarro en aan 't Zeegat van Chettua Waar over gedelibereert zijnde, hebben de„ leeden zig met den voorstel van den heer gouverneur geconfirmeert, en teffens be„ de leden Confirmeeren sig slooten om door den E: secunde Kellij telaten opmaken een aanwijsing wat deeze manschappen alles in allen Jaar„ „lijks zullen kosten, zoo meede eene notitie van de effecten die aldaar zullen dienen teverblijven, om vervolgens nader het noodige dien aangaande te kunnen besluijten, en alles indiervoegen te schik„ ken 6 650 529 Donderdag den 29: Iunij 1769: koning om 6000: rd:s uijt de thollen ken dat den Commandant Bekker onder ultimo Augustus aanstaande aan zijnen vervanger zal kunnen transport doen, en denselven benevens het guarnisoen herwaarts telaten op„ komen; Nog gaf zijn Edele de vergadering kennis, dat den Paljetter onderdaags hier in de stad geweest, en uit naam van zij„ versoek van den Cochimsen „ nen meester den Koning van Cochim zeer ernstig versoek heeft gedaan om zijn hoogheids portie in de thols ge„ regtigheeden van dit jaar bedragende omtrend 6000: - rijxd.:s temogen genieten, alsoo zijn hoogheid die penningen ten hoogsten benoodigt, tot het vieren van het eersten rouwfeest van desselfs overleeden moeder; Dog nadien die somma wat groot en zijn hoogheijds debet nog een aansiene„ „lijk 9 Donderdag den 29: Iunij 1769. besluijt 3000: rd:s aan sijn hoogheid te laaten verstrekken deren om betaling te geven brengen. lijk bedragen inporteert, en voor welkers inpalming meede dient tewerden gesorgt; zoo is op de propositie van den heer gou„ verneur en om dien vorst in zijne ver„ leegentheid egter tegemoed te koomen, goedgevonden en verstaan aan denselven telaten verstrekken de helft van voorsz somma ofte 3000: rijxd:s, mitsgaders zijn hoogheid voor dat bedragen op desselfs reekening te debiteeren, om met zijn hoogheids inkomsten uijt voormelde geregtigheeden wederom veressent te„ werden; Den heer gouverneur informeerde den raad alverder, dat zijn Edele onderrigt ongenegentheijd der inwoon„ is geworden, dat veele particuliere men„ aan de geenen die slaven op schen zig ongeneegen toonen een be„ hoorlijke betaling tegeven aan de geene die somtijds weggeloopen slaven opvatten en terug brengen, daar het egter 651. 531 Donderdag den 29: Iunij 1769. „gens een bekentmaking in Concept gebragt. soo voor vrijen als leijfeijgenen egter ten hoogsten billijk is, dat zulks niet alleen geschiedes maar dat ook een ider wete; wat hij in sulken gevalle voor zijne moeijte te wagten heeft; Dierhalve zijn Edele een bekent ma„ den gouverneur heeft derwe„king had in Concept gebragt, waar bij bepaald werd, dat alle de geene die een weglooper opvatten en terug bren¬ gen, het zij vrije of lijfeijgenen ter„ stond bij de overgaave in contant ge„ nieten zullen, voor een vrijpersoon, het sij soldaat mattroos ambagtsman of wat naam dezelve ook hebben mag 10: of fan:s 200: en ropias. bepaling van het op vangloon voor een lijfeijgen man vrouw of kind ropias. 5: „ „ 100: En op dat deeze ordre zoo veel te beeter stand grijpen zoude, had zijn Edele teffens noodig g'oordeelt daar bij be„ kent testellen, dat den fiscaal gelast„ werd
English
approved and resolved to publish the same here and at the outer stations. not only to offer those people a helping hand in that regard, but that the same is also authorized, in case of inability or refusal to pay the aforesaid amounts in cash, to sell immediately the returned bondservants and, from their proceeds, to pay out to the owners only that which remains after deducting the recovery fee and other expenses; Whereupon this announcement having been read and approved, it was furthermore resolved to have the same published and posted as such in the Dutch, Portuguese, and Malabar languages, both here and at the subordinate stations, for the information of everyone; just as likewise, at the request of the Fire and Ward Masters within this city, as appears from an extract resolution taken by the same and read in this meeting, it was approved to appoint in that Board, in place of the deceased master of the armory Hans Casper Thiel, the provisional Ensign Engineer Jan Willem de Graaff, of which appointment notice will be given to the said Board by extract from this resolution; also, upon a submitted report from the Chief Surgeon Martinsart and the native physician Gansena Pandiet, it was approved and agreed to send the salaried assistant Pieter Bristo of Boddelswijn to Baliaporto for maintenance, since he has been found infected with the grievous disease of leprosy; Thursday the 29th of June 1769. The Governor, continuing the business, was pleased to state further that His Honour, during his administration at Surat as Director, had observed that at the trade warehouses the custom prevailed that the warehouse master alone was allowed to receive and also weigh out spices in the presence of ordinary commissioners, provided the garbling took place in the presence of the Fiscal and commissioned Members of Justice; but because this gave rise to gross abuses, His Honour had found himself obliged to make another arrangement in that regard; That His Honour likewise deemed it necessary for the Company's service that this arrangement also be introduced here in the warehouses, producing to that end an extract signed by His Honour from the memorandum left at Surat for His Honour's successor, and dated 31 December 1768: Which having been read, it was approved and agreed to establish henceforth as a permanent order that, upon arrival, the spices must be re-weighed gross and then stored in a separate warehouse, in the presence of the Fiscal, by Members of Justice, who must seal that warehouse and themselves bring the keys to the Chief Administrator; that these commissioned members must fetch the keys in the same manner, open the warehouse, and attend in person not only the garbling but also all weighings that take place, whether to the merchant or as a gift or for household use; and that the quantities and types of that which is received and issued must each time be recorded and confirmed with the signature of the Fiscal and commissioners in two permanent books, one of which always remains in the spice warehouse, but the other with the Chief Administrator, who draws up the findings therefrom after the completion of the parcels of different arrivals, which findings are then sworn to by these commissioners, each for his own part, before the Council of Justice; And in order that this order may be put into effect at the earliest opportunity, it was also approved and agreed to instruct the Secretary to issue an extract from this resolution to the Council of Justice, trade officials, warehouse master, and Fiscal, to serve for their guidance and observance; After this, the Governor was pleased to state further that at the auction held of the Company's dwellings, among others, the house standing on the point Stroomburg, which formerly served as a residence for the head of the militia here, was also sold; That the said house was bid on, purchased, and since also occupied by the Bookkeeper and Beach Warden Jacobus Coenraadsz, who repaired the same and built some conveniences onto it; Yet that His Honour could not fail to remark on this that the aforesaid house was sold very improperly and left to an individual servant of the Company, and
Dutch transcription
beert en beslooten deselve hier en op de buijten Comptoiren te publiceeren. werd niet alleen die menschen daar omtrend de behulpsaame hand tebieden, maar dat denselven ook gequalificeert werd, om ingevalle van onvermogen of weigering het voorsch: bedragen in Contant te be„ „taalen, de terug gebragte lijfeijgenen ter„ stond te verkoopen en van derselver pro„ cedido aan de eijgenaars alleen uittekee„ ren, het geen naar aftrek van 't opvang„ loon en andere onkosten komt over„ teschieten; Waar op deeze bekentmaking gelesen die bekentmaking word g'appro, is, en g'approbeert, en voorts beslooten dezelve dusdanig in de hollandse, por„ tugeese en mallabaarse taalen, zoo hier als op de subalterne Comptoiren te laten publiceeren en affigeeren tot narigt van een ieder; zoo als insgelijks op het versoek van Brand en wijkmeesters binnen dezer Donderdag den 29: Iunij 1769. steede 652 533 Donderdag den 29: Iunij 1769. de graaf tot lid van Brand en den overleeden Brietto besmet bevonden en na baliaporto gebragt. steede, uitwijsens een extract resolutie bij dezelve genomen, en in deeze bij een„ komst geleesen, goedgevonden is, in plaats van den overleedenen baas der wapen„ aanstelling van den Ingenieur Camer Hans Casper Thiel, tot lid wijkmeesterren in steede van in dat Collegie aantestellen den pro„ „visioneelen vaandrig Jngenieur Jan willem de Graaff, en van welke aan¬ stelling bij extract uit dit besluijt aan gem: Collegie zal werden ken„ nisse gegeven; ook is op een ingediend Berigt van den opperChirurgijn Martinsart den gegagieerden handlanger en den inlandsche geneesmeester gansena Pandiet goedgevonden en verstaan na Baliaporto ter alimentatie tezenden den gegagieerden handlanger Pieter Bristo van Boddelswijn, alsoo denselven met de droevige siekte van lasernije besmet bevonden is; Den 533 Donderdag den 29 Iunij 1769. wat behandelinge omtrent de specerijen in souratta heeft plaats gehad. geweest daar in een ander schik„ kinge te maken. Den Heer gouverneur de besoigne vervol„ gende geliefde verder tezeggen, dat zijn Edele geduurende desselfs bestier te souratta als directeur ontwaard heeft, dat bij de Negotie Pakhuijsen de ge„ woonte plaats hadde, dat de pakhuijs „meester alleen ten bijweesen van ordi„ naire gecommitteerdens specerijen ontvangen en ook uijtweegen mogte, mits de garbulatie maar geschiede ten overstaan van den fiscaal en ge„ committeerde Leeden van Iustitie, den gouverneur is genoodsakt dog dewijl dit tot groove misbruijken aan„ „leiding gegeven, zijn Edele zig genoodsaakt had gevonden daar omtrend eene andere schikking temaken; Dat zijn Edele voor smeesters dienst ins„ gelijks noodig oordeelde, dat die schikking hier in de pakhuijsen ook wierd inge„ voert, produceerende ten dien einde een 653 535 Donderdag Den 29: Iunij 1769. uijt zijn wel Edeles nagelaten memorie besluijt en ordre hoedanig voortaan met de specerijen bij den gehandelt. produceert daar van een Extract een door zijn Edele onderteekend extract uijt de memorie te souratta aan zijn Edele vervanger nagelaten, en gedateert 31: December 1768: Waar van Lectura genomen zijnde, is goed„ gevonden en verstaan voor 't vervolg als een permanente ordre testatueeren, dat ontfangst en afgave sal wer„ de specerijen bij aanbreng brutto moe„ „ten nagewoogen, en dan in een apparte pakhuijs opgeslagen werden, ten over„ staan van den fiscaal door Justitieele leeden, dewelke dat pakhuis verzegulen en de sleutels selfs brengen moeten bij den hoofd administrateur, dat deze gecommitteerde Leden de sleutels in gelijker voegen haalen, het pakhuijs openen en in persoon bijwoonen moe¬ „ten niet alleen de garbulatie maar ook alle uijtweeging die er geschied, het zij aan den Coopman dan wel tot „ Donderdag den 29. Iunij 1769. tot geschenk of huus gebruijk en dat de quantiteijten en soorten van het ontfangene en afgegevene telkens in„ geschreeven en met de handteekening van den fiscaal en gecommitteerdens bekragtigt moet werden in twee vaste boekjes, waar van het eene steeds in't specerij pakhuijs, dog het andere bij den hoofd administrateur blijft, die daar uijt na 't afloopen der parthijen van differente aanbrengen, de bevin„ „dingen formeert, dewelke dan door dese gecommitteerdens een ider voor het zijne voor den Raad van Justitie b'Eedigt werden; En op dat deeze ordre ten eersten in train werde gebragt, is teffens goed„ gevonden en verstaan den secretaris te gelasten extract uijt dit besluijt aan den Raad van Justitie, Negotie bediendens 654. op Donderdag den 29. Iunij 1769 'sComp: verkogt huijs op de punt stroomburg bediendens, pakhuijsmeester en fiscaal aftegeven, om te dienen tot derselver na„ rigt en observantie; Hier na geliefde den Heer gouverneur ver„ der teseggen, dat bij de gehoudene ven„ Consideraties aan gaande een„ dutie van 'sComp:s wooningen onder anderen ook verkogt is geworden, het huijs dat op de punt stroomburg staat, en wel eer gedient heeft tot een wooning voor het hoofd der militie alhier; Dat het gem: huijs gemeind, gekogt en zee„ „dert ook bewoord is geworden bij den Boekhouder en strandwagter Jacobus Coenraadsz:, die het selve gerepareert en eenige Commoditeiten daar aan gebouwt heeft; Dog dat zijn Edele niet konde nalaten hier op aantemerken, dat het voorsch: huijs zeer oneigen verkogt en aan een particulier 'sComp:s Dienaar overgelaten is, En 537
English
Thursday the 29: June 1769. reasons why that house cannot well be inhabited or possessed by a private person And that although nothing can be said against the person of the aforementioned Coenraadsz, His Honour nevertheless could not well allow that a dwelling built upon the Company's fortifications was possessed and inhabited by a private person; And that although in the present peaceful times there was not so much to fear, nevertheless with a change of times and possessors the same house could become of a worrisome and dangerous aspect, and that besides it is nowhere in use that such houses in enclosed cities and fortresses are inhabited and possessed by private persons, and that His Honour was therefore of the opinion that a fair restitution should be given to the aforementioned Coenraadsz for his disbursed monies, and the house 655. 539 Thursday the 29: June 1769. decision to take over that house again for the Honourable Company with compensation for the incurred costs according to appraisal. house for the Major and head of the militia to serve as a dwelling house ought to be taken over again for the account of the Honourable Company; Whereupon the matter having been put to the question and deliberated upon, it was approved and agreed to confirm the proposal of the Lord Governor and to restore to the repeatedly mentioned Coenraadsz, according to a fair appraisal by commissioners, his disbursed monies and whatever further expenses he has incurred thereon, as well as to take over again the aforementioned dwelling for the account of the Honourable Company, in order henceforth to serve as a dwelling house for the Honourable Major and head of the militia, Jan Hendrik Medeler, and further heads of the militia here, whereby there may also be saved the eight rix-dollars that otherwise Thursday the 29: June 1769. otherwise are monthly granted and provided to him for house rent; With regard to the Company's outer and inner garden and horse stable, His Honour informed the meeting that His Honour took over the same from the Jewish merchant Ezechiel Rhabbij for the price stipulated for it of one thousand Ropias, and that His Honour, according to the arrangement made, would have to transfer the same for the aforementioned sum to his successor, and so from one to the other; Considerations regarding the conditional sale of the Company's gardens and stable That the aforementioned premises were however worth considerably more, and that although His Honour did not expect such, it could nevertheless happen that someone came along who, looking only to his own advantage, sold those grounds and premises to private 656 541 Thursday the 29: June 1769. cannot be dispensed with to take over again for the Honourable Company persons, and thereby noticeably disadvantaged the Honourable Company, which ought not to be so; and that His Honour was therefore also of the opinion regarding this article that the gardens and stable, which especially cannot be dispensed with, since horses and carriages must be maintained to serve for the reception of princes and other grandees of the country, to whom this mark of distinction cannot decently be refused, it is judged that the same ought also likewise to be taken over again for the Honourable Company, and since the commanders enjoy the usufruct of the same, the maintenance thereof could be left for the account of the respective commanders; which proposal was embraced; And in order that one will be able to know accurately proposal and decision to let the commanders enjoy the usufruct and also bear the expenses. Thursday the 29: June 1769. maintenance costs will be shown annually. the Secunde Kellij and Secretary Schutz serve with a report debit. 9689:29. what the maintenance and repairs of the Company's dwellings have cost annually, it was further approved and agreed upon the proposal of His Honour to have a specific statement made annually by the chief administrator of what the aforementioned dwelling houses of the Honourable Company have cost in maintenance; At the session of the 29: March last, the Honourable Secunde Kellij and Secretary Schutz having been ordered to investigate from the secretarial papers and trade books how matters stand with the debt of King Zamorin, having served today with their written report, appended with an account current, whereby it appears that the aforementioned prince, as of the end of August of the past year, still remained in default for a sum of Rdas 9639: 29: — what the Company's dwellings regarding the King Zamorin his debt is great Rops thus 657 543 Thursday the 29: June 1769. decision to see to collect that sum. Insertion of the report thus, after the reading and resumption of the aforementioned document, it was approved and agreed, upon the appearance of the envoys of the aforementioned prince, to show the account to them, and furthermore to make every effort to collect the aforementioned arrears, and to insert the report together with the account into this resolution; To the Right Honourable worshipful Lord Christiaan Lodewijk Senff, Governor and Director of the Coasts of Mallabaar, Canara and Winguala, along with the Honourable Political Council. Right Honourable Worshipful commanding Lord and Gentlemen. By resolution of the 29: March last
Dutch transcription
Donderdag den 29: Iunij 1769. reedenen waarom dat huijs niet wel bij een particulier kan werden bewoont of beseelen En dat of wel op den persoon van gem: Coenraadsz niet tezeggen valt, zijn Edele egter niet wel toestaan konde, dat een wooning gebouwt op sCompagnies vesting werken bij een particulier persoon besee„ „ten en bewoond wierd; En dat of schoon bij de teegenswoordige vreedige tijden zoo zeer niets te vreesen was, egter bij verandering van tijden en besitters het zelve huijs van een sorgelijken en gevaarlijken aanschouw zoude kunnen werden, en dat het buijten des ook nergens in gebruijk is dat diergelijke huijsen in beslooten steeden en vestingen door particulieren werden bewoond en beseeten, en dat zijn Edele dierhalve van gevoelen was, dat men aan gem: Coenraadsz: een billijke res„ titutie diende tegeven van zijn uijt¬ geschootene penningen, en het huijs wederom 655. 539 Donderdag den 29:' Iunij 1769. besluijt dat huijs wederom voor d' E. Compagnie overtenemen kosten na taxatie. „huijs voor den Majoor en hoofd der melitie wederom voor reekening van d' E Comp: behoorde overtenemen; Waar op de zaak in onvraage gelegt, en daar over gedelibereert zijnde, is goed„ gevonden en verstaan zig met den met vergoeding der gedaene voorstel van den heer gouverneur te Confirmeeren en aan meerm: Coenraadsde volgens een billijke taxatie van gecom„ mitteerdens, wederom te restitueeren zijne uijtgeschootene penningen, en het geen denselven verder daar aan bekostigt heeft, mitsgaders de meer„ melte wooning voor reek: van de E Comp: wederom overtenemen, om voortaan tedienen tot een woonhuijs voor den E: Majoor en hoofd der militie om te dienen tot een woon, Jan Hendrik Medeler en verdere hoofden der Militie alhier, en waar„ meede dan ook zullen kunnen werden uijtgewonnen de agt rijxdaalders, die „ andersints „ Donderdag den 29: Iunij 1769. ditioneelen verkoop van 'sCom„ andersints maandelijks aan denselven voor huijshuur zijn toegelegt en verstrekt; Ten aansien van 'sComp:s buijten en binnen thuijn en paarde stal gaf zijn Edele de vergadering tekennen, dat zijn Edele de„ zelve van den Joodsch Coopman Ezechiel Rhabbij heeft overgenomen voor de daar Consideraties nopens den Con„ voor gestelde prijs van een duijsend Ro„ pagnies thuijnen en stal „ pias, en dat zijn Edele volgens de gemaakte schikking het een en ander voor de gem: somma wederom aan desselfs vervanger zoude moeten overgegeeven, en zoo den een aan den ander; Dat egter de gem: opstallen vrij meerder waardig waaren en dat hoewel zijn Edele zulks niet verwagtende was, het egter zoude kunnen gebeuren, dat er iemand quam, die alleen op zijn eijgen voordeel ziende, die erven en opstallen, aan particuliere 656 541 Donderdag den 29: Iunij 1769. gemist kunnen werden voor d' E Comp: weder overtenemen ders te genieten en ook de on„ kosten dragen laten. particuliere persoonen verkogte, en daar door D' E Comp: merkelijk benadeelde, het welk zoo niet behoorde; en dat dierhalve zijn Edele ook omtrend dit articul van oordeel was, dat men de men oordeelt dat deselve niet thuijnen en stal dewelke voornament„ „lijk niet kan werden gemist, dewijl paarden en reijtuijgen moeten onderhou„ „den werden om te dienen tot inhaaling van vorsten en andere grooten des lands, aan dewelke dit teeken van distinctie niet welvoeglijk geweigerd werden kan, propositie en besluijt die meede insgelijks wederom diende overtenemen en het vrugtgebruijk de gebie„ voor D' E Comp:, en alsoo de gebieders het vrugtgebruijk van dezelve genieten het onderhoud daar van zoude kunnen gelaaten werden voor reekening van de respective gebieders, welken voor „stel is g'amplecteert; En op dat men naauwkeurig zal kunnen weeten Donderdag den 29:' Iunij 1769. onderhoud kosten zal jaarlijks aangetoond werden. „taris schutz dienen van berigt debet. 9689:29. weeten wat onderhoud en reparaties 'sCom„ pagnies wooningen Jaarlijks gekost hebben, is alverder op de propositie van zijn Edele goedgevonden en verstaan wat 'sComp:s wooningen aan door den hoofd administrateur Jaarlijks een bijsondere aanwijsing telaten doen, wat de gem: woonhuisen van D' E Comp: aan onderhoud gekost hebben; Ter sessie van den 29: Maart J:o Leeden D'E Secunde Kellij en den secretaris den secunde kellij en secre„ schutz gelast zijnde om bij de secre„ wegens des konings sammorijn tarieele papieren en Negotie boeken nategaan hoedanig het met de schuld van den Koning Sammorijn gelegen is, op heeden gediend hebbende van hun schriftelijk berigt, annex een reeke„ ning Courant, waar bij blijkt dat gem: vorst onder ultimo Augustus desselfs schuldig is groot Rop:s des verleeden Jaars nog te quaat is gebleeven een somma van Rd=as 9639: 29: — zoo 657 543 Donderdag den 29: Iunij 1769. besluit die somma tesien intepalmen. Jnsertie van het berigt zoo is na genomene lectura en resumptie van gem: schriftuur goedgevonden en verstaan bij verscheining van de sende„ lingen van gem: vorst de reekening aan dezelve te verthoonen, en voorts tot inpalming van voorm: agterstal alle moeijte aenwenden, en het rapport benevens de reeking bij dit besluijt te Insereeren; Aan den wel Edelen Agtb: Heer Christiaan Lodewijk Senff gouverneur en Directeur der Custen Mallabaar Canara en winguala Benevens Den E. Politiquen Raad Wel Edele Agtbaare welgebiedende Heer en Heeren. Bij besluijt van den 29: Maart Jongst„ „leeden
English
Thursday the 29th of June 1769. The undersigned, having been ordered to examine precisely the secretariat papers and trade books and to provide a written report on the state of the debt of the King Zamorin, have the honor respectfully to inform Your Right Honorable: That the said monarch, at the conclusion of peace with the Honorable Company in the year 1758, promised to pay for the incurred war expenses a sum of 65000 Ropias. That this monarch at that time also paid in cash, in reduction of the said debt, an amount of 35084¼ ropias, so that upon the departure of the former Commander Casparus de Jong His Highness still remained indebted for 29915¾ ropias. Upon which Commander Godefridus Weijerman, his successor, further collected: Once 870 Ropias in cash, and later also took in pawn a medium-long gold chain weighing 77½ ropias, and valued at 929 1/8 ropias in cash. And whereas the aforementioned Mr. Weijerman had made several futile demands to have the remaining debt likewise satisfied, the administration at that time took a resolution dated 20 August 1761 to accept from the Zamorin, as an amicable pledge, the three small islands of Moetoe Coenoe offered by him, after the same had previously been appraised by knowledgeable persons, for the sum of 16000 Ropias. To that end His Highness granted under date of 26 February 1762 a deed of transfer, whereby His Highness declares: That the same were ceded in full ownership to His Highness by the King of Paroe and his estates of the realm; And that for that reason he, the monarch, ceded the said islands with their fruits and revenues to the Honorable Company for the period of two years, hoping in the meantime to become able to satisfy the said sum and redeem those lands again; and if not, that the same would then fall into full ownership of the Honorable Company; And since the aforesaid term has long expired without the said islands having been redeemed by His Highness, the same have indisputably become the property of the Honorable Company, and for that reason a resolution was taken on the 10th of April of this year to order the first signatory, as trade bookkeeper, no longer to place the same on a separate account, but henceforth to let them run under the balances like other lands of the Honorable Company. Yet because that monarch still remained indebted for more than 12000 Ropias at that time, the frequently mentioned Mr. Weijerman, on account of the favorable circumstances at that time as shown by the Cochin Resolution of 30 September 1762, took a resolution in Council to place under sequestration for the Honorable Company the lands and rights belonging to His Highness in the sandy land of Chettua. Consequently, the same were inventoried by specially appointed commissioners, and the revenues thereof were collected for the first time by the servants of Chettua in the year 1763, to the amount of 763¼ Company parras of paddy, and 861¾ pieces of gold fanums, which according to the Cochin resolution dated 29 August of the said year were entered to the credit of that monarch into the books of the year 176 2/3, each Company parra of paddy at 12 and the gold fanums at 6 stuivers a piece; with which collection they have since continued, storing the revenues at Chettua and crediting their proceeds to that monarch, so that His Highness, according to the most recently closed books of the year 176 7/8, still remained in arrears for a sum of 9639 29 Ropias, as the annexed specific account will further demonstrate; wherewith hoping to have fulfilled the commission entrusted to us, we take the liberty to subscribe ourselves with complete respect and high esteem. Below stood: Right Honorable Benevolent Ruler and Gentlemen. Lower: Your Right Honorable's humble and obedient servants. Was signed: D. Kellij, and A. R. Schutz. In the margin: Cochin the 29th of June in the year 1769. The King Zamorin, Debet. 1758. At the conclusion of peace, accepted to pay or reimburse to the Honorable Company the war expenses, an amount of - - - Ropias 65000. —. 1765. On account of incidental expenses incurred in the collection of the rights of the lands taken into sequestration, mentioned on the credit side, proved in the financial years 176 2/3, 176 3/4, and 176 4/5. - - Ropias 274 17/60. 1766. Item for expenses - - - - Ropias 69 1/20. 1767. Ditto - - - Ropias 69 1/20. 1768. Ditto - - - Ropias 69 1/20. Amounting to Ropias 482 10. Total Ropias 65482 10. Cochin the 29th of June in the year 1769. Was signed:
Dutch transcription
Donderdag den 29:' Iunij 1769. leeden de ondergeteekendens gelast zijnde om bij de secretarieele papieren, en Ne„ „gotie boeken Exact na te gaan en van schriftelijk berigt te dienen, hoedanig het met de schuld van den Koning Sammo„ „rijn geleegen is; hebben de Eer uw welE„ dele Agtbaare Eerbiediglijk teberigten; Dat den gemelten vorst bij 't sluijten van de vreede met DE Comp: in den Jaare 1758. belooft heeft voor de gedaane oorlogs onkosten te zullen voldoen een somma van 65000: Ropias Dat dien vorst als toen ook in afkorting van gem: Debet in Contant voldaan heeft een bedraagen van 35084¼: ropias zoo dat zijn hoogheijd bij 't vertrek van den Heer oud Commandeur Casparus De Iong nog schuldig is gebleeven 29915¾: ropias Waar op den Heer Commandeur godefridus Weijerman 658 545 Donderdag den 29. Iunij 1769 weijerman desselfs opvolger verder in„ gepalmt heeft; Eens 870: Ropias Contant, en naderhand nog in pand overgenomen een goude mid„ „dels lang wegende 77½: ropias, en gewar„ deert voor 929 1/8: ropias Contant. En dewijl welm: Heer Weijerman verscheijde maalen vergeefsche instanties had ge„ daan om het resteerende debet insgelijks voldaan te krijgen; zoo heeft het toenmaalig ministerie onder dato 20: Augustus 1761: een besluijt ge„ nomen, om de door den Sammorijn aangeboodene drie Eijlandjes Moetoe Coenoe, na dat deselve vooraf door kundige lieden waaren gewardeert van dien vorst als een pand der min„ ne overtenemen voor de somma van 16000: Ropias, Ten dien eijnde verleende zijn hoogheijd onder Donderdag den 29: Iunij 1769: onder dato 26: februarij 1762: een acte van opdragt, waar bij zijn Hoogheijd verklaard; Dat deselve door den Koning van Paroe en zijne rijks stenden aan zijn hoogheijd in vollen eijgendom zijn afgestaan; En dat hij vorst uijt dien hoofde de gem: Eijlandjes met de vrugten en baaten aan D' E Comp: Cedeerde voor den tijd van twee Jaaren, verhoopende om in„ tusschen in staat tegeraaken om de gem: somma tevoldoen en die lande„ rijen wederom intelossen; en zoo niet dat deselve als dan den in vollen eijgendom zouden vervallen aan De E Comp:; En alsoo de voorsz: termijn al lang ver„ loopen zonder dat gem: Eijlandjes door zijn Hoogheijd zijn ingelost, zoo zijn deselve buijten tegenspraak een eij„ gendom geworden van D' E Comp: en uijt 659. 547 Donderdag den 29: Iunij 1769. uijt dien hoofde, is onder dato 10=ten April deses Jaars een besluijt genomen om den Eersten tekenaar te gelasten als Negotie boek„ houder deselve niet meer op eene aparte Reekening testellen, maar voortaan onder de restanten gelijk andere landerijen van DE Comp: telaaten voortloopen; Dog vermits dien vorst toen nog ruijm 12000: Ropias schuldig bleef, heeft meerm: Heer Weijerman, uijt hoofde van de toenmaa„ lige favorable omstandigheeden uijtwij„ sens Cochimse Resolutie van den 30: 7ber. 1762:, in Raade een besluijt genomen om delanderijen en geregtigheeden zijn hoogheijd in het sandigland van Chet„ tua Competeerende, voor D' E Comp: in sequestratie teneemen; Dienvolgende zijn deselve door Ex„ presse gecommitteerdens opgeno„ „men, en de inkomsten daar van door Donderdag den 29: Junij 1769. door de bediendens van Chettua voor de eerste keer ingesamelt in Anno 1763: ten bedraagen van 763¼: sComp:s parras Nelij, en 861¾: stuks goude fanums, de„ „welke volgens Cochimse besluijt de dato 29: Augustus des gem: Jaars, ten voordeele van dien vorst bij de boeken van An„ no 176 2/3: ingenomen zijn, ider Comp:s parra Nelij tegen 12: en de goude fanums â 6: stuij„ „vers 't stuk; Bij welke invordering men zedert heeft gecontinueert de inkomsten te Chettua opgelegt en derselver pro„ „cedido, dien vorst ten goede gebragt, invoegen zijn hoog¬ „heijd volgens de Jongstgesloo„ „tene E 660. 549 Donderdag den 29: Iunij 1769. tene boeken van A=o 176 7/8: nog te quaad is gebleeven een som¬ ma van 9639: 29: Ropias, zoo als de Nevens gevoegde spe„ „cifique Reekening nader komt aantewijsen; waarmeede aan de ons opgedraa„ gene Commissie verhoopende voldaan te hebben, de vrijheijd nemen ons met een vol„ komen eerbied en hoog ag¬ ting te onderschrijven /:on„ „derstond:/ wel Edele Agt„ „bare welgebiedende Heer en Heeren; /:lager:/ uwwel„ Edele Agtbare onderdani¬ „ge en gehoorsame Dienaren /:was getver:/ D: Kellij, en A R: Schutz /:in margine/ Cochim den 29: Junij Ao 1769. Den 1758. Donderdag Den 2 Samm Den Koning Bij het sluijten der Vreede aangenomen aan DE Comp: tevoldoen ofte te vergoeden de oorlogs onkosten Een bedraagen van - - - Ro/as. 65000. —. 1765. weegens ongelden bij Gevallen het invorderen der geregtig„ „heeden van de in sequestratie Genomen landen aan de Credit zijde vermelt, beweeten In de Boekjaren 176 7/3. 176¾. en 176 4/5. - - Ro/as 274 17/60. - „ 69 1/20. 1766. item aan ongelden - - - - 1767. „ 69 1/20. „ 69 1/20. _o _=o - - - „ 1 - „ 482. 10. Debet Somma Ro/as 65482. 10. Cochim Den 29. ' Iunij A=o 1769 /was gete E 1768.