Inventory 3290
Coromandel · 1,050 pages · 271 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
243 The 12th of February 1770. Since those ropes have not been lying there for so long, and it would only be four years since they were sent there, therefore their decay must not be imputed to the long lying, to which the servants seem to want to attribute it, but principally to the little care that they were not properly observed; wherefore it is resolved to send the one of them that had nothing wrong with it, at the first occurring opportunity, according to the order already established in the previous year, yet to Bimilipatnam, and to have the other, which is damaged, brought hither in order, having been examined here, to do what shall be found proper. Furthermore, it was agreed to grant the requested relief of the soldier Silvester Takies from there to here. Further, having read the letter received from Palicol dated the 13th of January last, it is resolved to authorize the chiefs there to sell the rose water found to be spoiled, and to approve the retention of 1095 pieces of new Nagapatnam pagodas for the necessary expenditures for the petty cash out of the pagodas that had been deposited there and have since been sent to Jaggernaijkpoeram in accordance with the order, while The 12th of February 1770. the meeting was pleased to learn that the merchants, due to a lack of cash, had again been persuaded to accept merchandise for the delivery of textiles to a considerable amount of 10000 pagodas or f 45000, under the promise that by the expected Bengal ship it would be demonstrated in detail to Their Right Honourables that the taking of merchandise by the merchants there is advantageous to the Honourable Company, and thus this Government was in expectation that the matter in question of the 4 percent premium would be passed; furthermore, authorization was granted thither as well as to Jaggernaijkpoeram and Coedelaer for the writing-off of the expense accounts of the months of December and January last; and further, upon the proposed request by the Resident at Portonovo, the junior assistant stationed there, Frans Jacob Nuzenburg, was promoted to absolute assistant with the monthly salary of f 24. Having also read the received letters from Jaffanapatnam, Tutucorijn, and Kilkare, nothing remarkable was found to be noted thereon. These proceedings being finished, the 245 The 12th of February 1770. Merchant and Trade Bookkeeper Pierre Jean De Filliettaz presented a report concerning his work in calculating the expenses of the year 1767/8, which were in Indian currency, into Dutch currency, since the latter was only introduced with the financial year of 1768/9, as otherwise they could not very well be compared with one another to discover the true difference in increase and decrease; at the same time submitting alongside it a specific statement of that calculation, together with a comparison drawn up from it of the expenses and charges, as well as the profits, incurred both in the latest financial year 1768/9 and the previous one of 1767/8 at this head settlement and the residencies of Coedelaer and Conjemere, showing the origin of the increase and decrease thereof, alongside those of the profits obtained, according to which it appeared that this head factory has forged ahead in the recently completed trading year 1768/9 by an amount of f 407191.16.12, to be seen more closely and clearly in the cited comparison, which for that purpose, together with the aforementioned report, it was resolved to insert into these minutes, and at the same time to authorize the said trade bookkeeper to proceed with the closing of the books. Insertion of those papers. To the Right Honourable Sir Pieter Haksteen, Extraordinary Councilor of Netherlands India, Governor and Director of this Coromandel Coast, with the dependencies thereof, etc. etc. etc., alongside the Council. Right Honourable Sir and Gentlemen! Pursuant to the respected order of the Honourable Masters dated 31 October 1766, and Their Right Honourables' further resolution of 14 June 1767, all trade books, and consequently those at this head settlement of Nagapatnam at the closing thereof at the end of August 1768, although all the entries of the remaining balances were calculated in Dutch currency, were yet at that time still closed in Indian currency, but when drawing up these books of 1768/9 they were entered in Dutch currency, and thus throughout this entire financial year nothing other than Dutch currency was dealt with. Thus the undersigned has taken into consideration that the expenses of the past year, being in Indian currency, could by no means be compared with the general expenses of this financial year, which consists of Dutch currency, and therefore deemed it absolutely necessary to reduce the expenses of the past year, or those of 1767/8, to Dutch currency, taking into account all the observations that had to be observed in calculating the percentages of the various factories, and has the honour herewith The 12th of February 1770.
Dutch transcription
243 Den 12e. febr: 1770: werd. manqueerd na bimilit=n brengen. van 't bedurven rosen water 18795: N: Nooge/. pagenten wat dewijl die touwen aldaar zoo lang niet geleegen hebben„ en Eerst vier Jaaren worden soude dat deselve der w=l gesonden sijn, dierhalven dies bederring niet aan de waaraan zulx geattribiceerd lang legging waar aan de bediendens het selve scheijnen te willen toeschrijven, maar aan de weijnige sorge, dat niet nabehooren gade geslagen sijn, ten principaa„ len g'imputeerd moest werden, alwaaromme ver„ staan is, eene derselve daar niets aan manqueerde bij bestuijtzen wearan niets eerst voorkomende geleegendheijd na de voorjaarige reeds gestelde ordre als nog naar Bimilipatnam, en het en't verstekte dit heen te laten andere dit heen te laaten overbrengen, om alhier g'examineerd zijnde, gedaan tewerden, het geen men en ten wateijnde. bevinden sal te behooren, wijders wierd gecondescendeerd in de versogte verlossing van daar naar herwaards van den zoldaat Silvester Takies. —. Wijders geleesen zijnde de van Palicol ontfangene qualificatie na palicol ter koop brief de dato 13:' Januarij Jongstleeden is verstaan de opperhoofden aldaar te qualificeeren tot den verkoop van het bedurven bevonden Roosenwaater, en te approbeeren appribatie der aanhouding van de aanhouding van 1095. stux nieuwe Nagapatnam Clijnde. pagorden, tot de nodige uijtgave voor de kleene Cassa uijt de aldaar berust hebbende, en zedert ingevolge de ordre naar Jaggernaijk poeram overgesondene pagooden, ter„ wijl. Den 12'. febr: 1770. 10000. pag: aan Coopmans z: aangeslagen hadele. pens de affaire van de 4. p:r C:o onder„ houden zal ontfost reerg: adsistent te portonovo Leesing van eenige brieven. aangenaam :d over dat de Cost voor wijl de vergadering aangenaam is te vooren gekoomen, dat de Cooplieden mits gebrek aan contanten weeder overgehaald waaren geworden tot het aanslaan van Coopmanschappen op leverantie van lijwaaten voor een aansienelijk montant van 10000. pagoden of ƒ 45000. belofte dat men haar hoog Eds no„ onder promesse dat per het verwagt werdend Ben„ gaals schip haar hoog Edelens omstandig zoude wer„ den gedemonstreerd dat het neemen van Coopmansz: door de Cooplieden aldaar voor dE: Comp=e voordeelig is dus deese Regeering in verwagting was, dat de bewuste affaire van 4. percento opgeld gepasseerd zoude wer„ besluyjt te afbeking van eenige den; werdende voorts naar derwaards soo wel als na Jaggernaijkpoeram, en Coedelaer qualificatie verleend, tot de afschrijving van de onkostreecquenin„ gen der maanden December en Januarij Jongstlee„ bevordering van een p=t t abselus den; en wijders op het voorsdragen versoek door den Re„ sident te Portonovo tot absolut adsistent met de maandelijke besolding van ƒ 24. bevorderd den aldaar bescheijdene Jong adsistent Frans Jacob Nuzenburg. — Nog geleesen zijnde de ontfangene brieven van Jaffa„ napatnam, Tutucorijn en kilkare, wierd daar op niets remarquabels te noteeren gevonden. —. Deese Besoignes afgeloopen weesende, presenteerde den 245 Den 12e:. febr: 1770. gotie boekh: weegs te berekenen der Lasten van 106: /9. en Latten zelve. qualificatie tot de ofsluijting der den Coopman en Negotie boekhouder Pierre Jean Sous diering van ven tengt van den me„ De Filliettaz: een Berigt weegens desselvs verrig„ ting in het bereekenen van de lasten van ao 176 5/8. die in Jndiens geld waaren, in het Nederlands geld dewijl het Laaste eerst met het boekJaar van ao 1763/9. g'introdu„ ceerd zijnde, anders niet wel gevoegelijk teegens den an„ der en vergeleeken konde wierden, om het waare verschil van de meerder en minderheijd te ontdecken, teffens daarneevens overleggende een specificque aanwijsing van die bereekening, neevens een daar na uijt desel dem an't verhoogd der winsten ve geformeerde verloog of vergelijking der lasten en ongelden, mitsgaders advancen, soo het Jongste boekJaar 1767/9. als het voorige van 176 1/8. te deeser hoofdplaatse en de Residentien Coedelaer en Conje„ mere gevallen met aanwijsing van den oorsprong van de meerder en minderheijd derselve, neevens die der behaalde winsten volgens dewelke bleek wat daer bij blijkt dat dit hoofdcomptoir in het Jongst afgeloopen handelJaar 176 /9. te vooren geraakt is, een montant van ƒ 407191. 16. 12. nader en duijdelijker te b'oogen by geciteerde vergelijking dewelke ten dien eijnde neezens het voormelde berigt verstaan wierd deesen te insereeren, en gedagte negotieboekhouder teffens te qualificern magtebeken met - Jnsertie dier papieren. met het sluijten der boeken maar voorttevaaren. — Aan den Wel Edelen gestrengen Heer Pieter Haksteen, Raad Extraordinair van Nederlands Jndia, gouverneur en directeur deeser custe Cormandel, met den resorte van dien &=a &=a &=a Neevens den raad Wel Edele Gestrenge Heer, en Heeren! Ingevolge de geresfecteerde ordre van de agtb: heere majores in dato 32.:' 8ber: 1766, en haar hoog Edelens nader besluijt van den 14.:' Junij 1767. de gesamentlijke negotie boeken, gevolgelijk die ter deeser hoofdplaatse Nagapatnam bij het sluijten derselve onder ult=o aug. s 1768. alle de posten der Trestanten bereekend zijnde in Nederlands geld, Egter toenmaals nog in Jndias geld afgesloo„ ten dog bij het formeeren deeser boeken 176 3/9: met nederlands geld zijn ingeschreeven, en dus dit geheele boekjaar niet anders dan Nederlands geld daar bij verhandeld is. — Soo heeft den ondergeteekende in aanmerking genoomen, dat de Lasten van anno pass=o als indies geld zijnde, geensints konde vergeleeken werden, met de generaale lasten van dit boekjaar dat in Nederlands geld bestaat des absolut noo„ dig geoordeeld de Lasten van voorleedene Jaar of die van 176 5/8. tebrengen tot Nederlands geld, met alle opser vantien, die in 't bereekend der pr Cento van de onderscheijdene Comptoiren in agt moesten genomen werden, en heeft daar van de Eere hier Den 12. febr: 1770. neerens. E
English
247 The 12th of February 1770. as well as submitting a separate document containing all the charges of the past year in Indian money, which subsequently item by item have been calculated to Dutch currency, along with a further display of the profits and revenues of that same year. After which, trusting that this execution and net comparison of the charges, profits, and revenues of this recently ended financial year will merit Your Right Honourable Sirs' approval. I have the honour to subscribe myself with respect underneath: Right Honourable Sir and Gentlemen; Your Right Honourable Sirs' humble and obedient servant was signed: P: J: L: De Filluttaz, Trade Bookkeeper in the margin: Nagapatnam the 10th of February in the year 1770. Comparison of the charges and expenses, as well as advances both in the financial year 1767/8 and the past one of 1767/8 incurred at this head settlement, under which are included the residencies of Coedelaer and Conjemere, with an indication of whence the decrease or the increase has its origin, pursuant to Their High Honours' very respected order by amendment of the orders concerning the keeping of the trade books dated 19th of October 1753, together with and alongside a comparison of the greater or lesser profits and advances gained, the which one and the other are indicated here below and subsequently of sloops and lesser vessels - - - - - 30217. 1. — 8251. 18. — 1965. 3. — Account of condemnation and confiscation - - 1064. —. 8 1322. 4. 8 —. —. — 258. 4. — Carried forward - - ƒ 421. 18. 4 ƒ 56. 19. 3 ƒ 370. 8. 1 ƒ 374. 8. — This Year Charges this Year past year more Less Ordinary rations - - - - - - - ƒ 60481. 8. 8 ƒ 65422. 16. — ƒ —. —. — ƒ 4941. 7. 8 The gunpowder mill - - - - - - - - —. —. — 4799. 19. — —. —. — 4799. 19. — The Hospital - - - - - - - - - 7882. 14. — 10243. 13. — —. —. — 2360. 19. — Extraordinary - - - - 2387. 15. — 3802. 3. 8 —. —. — 1514. 8. 8 Ordinary expenses - - - - - - - 40179. 14. 4 36774. 9. — 4405. 5. 4 —. —. — the By Transport - ƒ 414212. 13. 4 ƒ 150617. 3. — ƒ 6378. 8. 4 ƒ 13874. 18. — Wages on Land - - - - - - - - - - 151189. 5. — 156048. 9. — —. —. — 4939. 4. — Ship's wages - - - - - - - - - - - 6572. 14. — 3245. 1. — 3327. 13. — —. —. — Monthly wages of native servants - - - - - 28546. 7. — 29190. 15. — —. —. — 644. 8. — Carpentry and Repair - - - - - 23029. 4. 8 36424. 19. 8 —. —. — 3395. 15. — Fortification - - - - - - - - - - 10416. 9. 8 6735. 17. 8 36010. 12. — —. —. — Monthly wages of native warriors or Sepoys 36356. 19. — 3604. 16. 8 —. —. — 247. 17. 8 Account of gifts - - - - - - - 497. 16. — 570. 9. 8 —. —. — 72. 13. 8 Expenses of ships - - - - - - - - - 15937. 7. 8 7039. 13. — 8897. 14. 8 —. —. — Expenses of the removed office of Conjemere - - 120. 8. — 120. 8. — —. —. — —. —. — Total - - - ƒ 414699. 3. 17 ƒ 46597. 12. — ƒ 1276. 7. 12 ƒ 23194. 16. — The lesser deducted from the greater - - - - - 414699. 3. 12 Increased Charges - - - ƒ 1898. 8. 4 Yields for the lesser Charges 21276. 7. 12 The net profits after deduction of losses amount to in this Year - - - - - ƒ 130501. 18. 8 And in the past year the same were - - - - - - 95113. 17. 8 thus in this Year greater profits - - - ƒ 35388. 1. — The Revenues of this financial year amount to - - - ƒ 56120. 2. 8 In the past year the same amounted to - - - - - - - 45214. 15. — this Year greater Revenues - - - - ƒ 10905. 7. 8 The greater profits added to the greater Revenues thus amounts to greater benefits - - - - - - - - ƒ 46293. 8. 8 Which greater benefits added to the lesser Charges - - - - - 46393. 8. 8 thus it appears that this head settlement in comparison to the past year has advanced by ƒ 40191. 16. 12 Thus having briefly indicated the Charges and profits, one shall proceed to each individual Charge account demonstrating the reasons for their increased or decreased causes, and make a beginning with the Ordinary expenses ƒ 405. 5. 4 higher has its origin through the purchased palm leaf mats for the service of the ships, sloops, and dhonies as well as for the pantry which ƒ 1898. 87. 4 the 12th of February 1770 had
Dutch transcription
247 Den 12e. febr: 1770. neerens over te leggen een appart schriftuur vervattende alle de Lasten van a=o pass=o met Jndias geld, die vervolgens post voorpost tot Nederlands bereekent zijn met eene al verdere aanthooning der winsten en Jnkomsten van dat selvee Jaar. —. Waar na vertouwende dat deese verrigting en netto vergelijkin„ ge der Lasten winsten en Jnkomsten van dit Jongst afgeloopene boek„ Jaar uwelEdele gestr: goedkeure meriteeren zal. —. Heb ik de Eere met respect mij te onderschrijve /:onderstond:/ wel Edele gestr: heer en Heeren; uwel Edele gestr: onderdani„ ge en gehoorsaame Dienaar /:was geteekend:/ P: J: L: De Fil„ luttaz:, Negotie boekh=r /:in margine:/ Nagapatnam den 10:' febr: ao 1770. — Vergelijkinge der Lasten en ongelden, mitsgaders advancen zoo in het boekjaar 17674. als het gepasseerde van 1767 /8. ter deeser hoofdplaatse gevallen, waar onder begreepen de residentien Coedelaer en Conjemere met aanwijsinge, waaruijt het minder of het meerdere sij„ ner oorsprong heeft, Jngevolge haar hoog Edelens seer gerespecteerde bevel bij ampliatie der ordres omtrend het houden der negotie boeken van dato 19:' october 1753. met en neevens eene vergelijkinge der meerdere of minder behaalde winsten en advancen, het welke eene, en andere hier onder en vervolgens werd aangeweesen _. . van Chialoupen en Mindere vaarthuijgen - - - - - „ 30217. 1:—„ 8251:18:—„ 1965: 3: —„ . —. —. Reekening van Condemnatie en confiscatie - - „ „ 1064. —. 8 „ 1322. 4: 8„ — –. — „ 258. 4. —. Transporteere - - ƒ 421:18: 4 ƒ56:19:3: ƒ 370:8:1:ƒ374:8:—: Dit Jaar Lasten dit Jaar anno pass=o meerder Minder Randcoenen ordinair - - - - - - - ƒ60481. 8. 8 ƒ65422. 16:— ƒ —. —: — ƒ 4941:7:8. De kruijtmakerij - - - - - - - - „ —. -. -„ 4799. 19. — „ —. —. - „ 4799:19:—. 'T Hospitaal _ _ _ _ _ _ _ _ _ „ 7882. 14. — „ 10243. 13. — „ —. —. – „ 2360. 19. —. _. . Extra ordinair - - - - „ 2387. 15. — „ 3802. 3. 8„ —. . -. – „ 1514. 8. 8. onkosten ordinair - - - - - - - „ 40179. 14: 4„ 36774. 9. —„ 4405. 5. 4„ —. —. -. de - Per Transport - ƒ414212:13: 4 ƒ150617:3: —ƒ6378:8:4. ƒ13874:18. -. Zoldijen aan Land - - - - - - - - - - „151189. 5. — „ 156048. 9. — „ —. —. — „ 4939. 4. -. scheeps zoldijen - - - - - - - - - - - „ 6572. 14. - „ 3245. 1. — „ 3327. 13. —„ —. —. — Jnlandse dienaaren Maandgelden - - - - - „28546. 7. — „ 29190. 15. — „ —. —. — „ 644. 8. —. Timmeragie en Reparatie _ _ _ - - - - - „ 23029. 4. 8„ 36424. 19. 8„ —. —. —„ 3395. 15. —. Fortificatie = - - - - - - - - - - „10416. 9. 8 „ 6735. 17. 8„ 36010. 12. —„ —. –. –. Maandgelden van Jnlandse krijgers of Sipaaijs. . „ 36356. 19. — „ 3604. 16. 8„ —. —. —„ 247. 17. 8. Reekening van schenkagie - - - - - - - „ 497. 16. — „ 570. 9. 8„ —. —. —„ 72. 13. 8. onkosten van scheepen - - - - - - - - - „15937. 7. 8 „ 7039. 13. —„ 8897. 14. 8„ ongelden van 't geligte comptoir Conjemere - - „ 120. 8. - „ 120. 8. – „ —. –. –„ —. Somma - - - ƒ414699. 3. 17 ƒ46597. 12. — ƒ1276. 7. 12 ƒ 23194: 16. —. -. -. Het mindere van 't meerdere gedetrah=d - - - - - „ 414699: 3: 12. Komt voor de mindere Lasten De zuijvere winsten na aftrek der verliesen be„ draagen in dit Jaar - - - - - ƒ 130501. 18. 8. : - — En in anno pass=o waaren deselve - - - - - - „95113. 17. 8. - - - ƒ35388. 1. —. „dus in dit Jaar meerder winsten- De Jnkomsten van dit boekjaar bedraagen - - - ƒ56120. 2. 8. Jn anno p=o bedraagen deselve - - - - - - - „ 45214. 15. —. dit Jaar meerder Jnkomsten - - - - ƒ10905. 7. 8. De meerdere winsten met de meerder Jnkomsten geaddeerd zoo komt aan meerder voordeelen - - - - - - - - ƒ46293. 8. 8. Welke meerdere voordeelen in geaddeerd met de mindere Lasten - - - - - „46393. 8. 8. zoo blijkt dat deese hoofdplaatse in teegenstelling van a=o f=o is te vooren geraakt. ƒ 40191. 16. 12. Dus kortelijk hebbende aangeweesen de Lasten en winsten zoo zal men over„ gaan tot ider Last reekening in het bijsonder aanthoonende de reedenen van derselver vermeerderde of verminderde oorsaaken, en maaken een aangang met de. —. On kosten ordinair ƒ405: 5: 4: meerder heeft zijnen oorsprong door de Jngekogte ole„ matten dienste der scheepen, chialoupen, en Thonijs als meede voor de dispens het geen Vermeerderde Lasten - - - ƒ1898:8:4. „ 21276. 7. 12. ƒ 1898: 87. 4. den 12'. febr: 1770. hadde - -.
English
should have been charged to the expense account of merchandise according to old custom, but erroneously charged to this one; likewise the erection of an entirely new flagstaff, the masonry work of a new base in which it must stand, the making of lodgings at the timber wharf, also the increased amount charged to the dispensary on account of purchased straw mats, and finally because throughout this entire year the charges for the dressing station were entered on this account according to the received order anew, whereas in the past year this had only occurred for the last six months. Expenses of sloops and smaller vessels, ƒ1965:3:— more, originally arising from more timber charged, likewise iron and steel for repairing the sloops and tonys, thus heavier repairs being the cause of this increase. Ship's wages, ƒ3327:13.— more, having their origin in heavier advances on account of earned monthly pay, but especially due to the greater amount charged to the account of the ship's officers for their shortages in delivered cargo. Ship's expenses, ƒ7897.14.8 more, solely to be attributed to more equipment goods and other necessities supplied, as well as more provisions supplied, to which the ship Vlietlust, which came from here to Sadraspatnam, and from there back to here and lay here in the roads until mid-October, contributed the most. Fortifications, ƒ3680.12.— more, which was caused by the constructed cheval-de-frise, the rebuilding of a collapsed wall of the bastion Zijden, the reinforcement of the sluice at the bastion Amsterdam, likewise the repairing of the front Hollandia, and a rebuilt wall of the bastion Scheeteldoekshaven. Decreased charges Ordinary rations, ƒ4941.7.8 less, principally resulting from the dispatch of many Eastern soldiers from the outer offices via this main settlement to Batavia, whereby the charges from there to here were not as substantial as before. The gunpowder mill, ƒ4799:19:— less, and was occasioned because last year this account had much to bear, not only because of some ordinary expenses, but mostly due to the repairs done at that time, and this year not only were no repairs needed, but even the ordinary expenses were, again as in previous years, charged to the gunpowder newly manufactured again. The 12th of February 1770. 18. —. 4. —. -. 15. —. -. 17. 8. 13. 8. 16. —. 12. .8. 1612. no 1 9 The 12th of February 1770. The hospital, ƒ2364:19:— less, this was caused by the smaller amount paid to the chief surgeon for medicines provided, both to the sick who lay in the hospital, and to those who were sick outside the same and kept their own household, and also because the bandage linen and medicines for the sick who come to the dressing station were charged for this entire year to ordinary expenses, of which this account bore the charges during the first six months in the past year. Extraordinary expenses, ƒ1514.8.8 less; in the past year there were charged to this account the travel expenses incurred by the Reverend Minister during the church visitation to all the outer offices, also the amount charged by Jaffanapatnam for provisions supplied to certain bird catchers of the Tanjore prince. Account of condemnation and confiscation, ƒ258.4:— less, partly from the smaller amount paid to the jailer for the subsistence supplied to the prisoners, as well as to the executioner for capital punishments executed, and also the lesser amount charged by Colombo for the condemned persons sent thither from here at that time. Wages on land, ƒ4939.4.– less, due to a small number of wage-drawing servants, to which the dispatched Easterners also contributed much. Native servants' monthly pay, ƒ644.8:– less, resulting from not as much being charged by the outer offices, and also the smaller payout to the natives, both those who served on the sloops and tonys, and with the equipment department. Carpentry and repair, ƒ3395.15.— less, due to little lime, stone, and woodwork used, but to this the iron used in the past year on the repaired gunpowder mill, on which nothing was done in the course of this year as requested, also contributed the most. Monthly pay of the native warriors or sepoys, ƒ244.17.8 less, from a small number that were in service during this entire year. Account of gifts, ƒ72:13:8 less, from the lesser amounts presented on various occasions. Nagapatnam, the 10th of February anno 1770, for the end of August anno 1769. was signed: P: J: L: De Filliettaz: merchant bookkeeper There
Dutch transcription
249 hadde dienen ten Lasten van onkosten op coopmansz: naar oud gebruijk gebragt te werden, dog abusive ten Lasten deeser gesteld; Jtem het opregten van eene geheele nieuwe vlaggemast, het metselen van Een nieuwe voet daar deselven instaan moet, het maa„ ken van Logies op de houwtwerf, ook het meerder opgebragte bij het dispens, weegens inge„ kogte stroo matten, en eijndelijk wijl dit geheele Jaar door de ongelden voor het verband na de ontfangene ordre op deese Reekening zijn gebragt geworden nieuw en teegen in a. o pass=o maar voor de Laaste ses maanden geschied is. —. onkosten van Chialoupen en Mindere vaarthuijgen ƒ1965:3: — meerder oorspronkelijk uyt meerdere opgebragte houtwerken, Jtem ijzer v=a staal tot het repareeren der chialoupen en thonijs, dus Eene swaardere Reparatie, de oorsaak deese meerderheijd is. scheeps zoldijen ƒ3327:13. —. meerder zijn source hebbende uijt swaarder verstrecking op reekening van winnende maandgelden, maar insonderheijd door het meerder op reecq: gestelde der scheeps overheeden, op hunne te min uijtgeleeverde Ladingen. — onkosten van Scheepen ƒ 07897. 14. 8. meerder zijnde eeniglijk toeteschrijven aan de meerdere verstrekte Equipagie goederen, en andere noodwendigheeden, soomeede meerder verstreckte verversing, waar toe het schip vlietlust dat van hier naar sadraspatnam, en weeder van daar naar herw=s is gekomen en tot medio october alhier ter rheede heeft geleegen, het meeste heeft toegebragt. —: Fortificatie ƒ3680. 12. —. meerder, zulx werd gecauseerd, door de aangemaakte spaanse ruijters„ het ophaalen van een om ver gevallene muur van de punt zijden, het versterken van de sluijs bij de punt Amsterdam, Jtem het repareeren van de frant hollandia, en een opgehaalde muur van de punt scheeteldoekshaven. Verminderde Lasten Randcoenen ordinair ƒ 4941. 7. 8n, minder principaal voortkoomende door het versenden van veele oostersche militairen van de buijten Comptoiren over deese hoofdplaatse na batavia waar door de aan reecq: van daar naar herwaards niet zoo important zijn geweest dan bevoorens De kruijtmakerij ƒ 4799:19:—. minder en werd geoccassioneerd, door dien voorleeden Jaar deese reekening veel te draagen heeft gehad, niet alleen weegens eenige ordinaire ongelden, maar meest door de toenmaals gedaane reparatie, en dit Jaar is 'er niet alleen geen Reparatie benodigt geweest, maar zelfs zijn de ordinaire ongelden, weederom als in voorige Jaaren, ten Lasten van het nu weeder aangemaakte buskruijt gebragt. —. den 12. febr: 1770. 18. —. 4. —. -. 15. —. -. 17. 8. 13. 8. 16. —. 12. .8. 1612. „ geen 1 9 den 12e. febr: 1770. 'T Hospitaal ƒ2364: 19: minder, dit is veroorsaakt door het mindere betaalde aan den opperchirurgijn voor gegeevene medicamenten, zoo aan de zieken die in 't hospitaal hebben geleegen, als die buijten het zelve ziek, en haar eijgene menagie hebben gedaan, en ook dien het verband Linnen en de medicamenten voor de zieken die aan het verband komen dit geheele Jaar ten Lasten van onkosten ordinair zijn gebragt, en waar van deese reekening in A=o pass=o geduurende de ses eerste maanden de Lasten heeft gehad. — onkosten Extra ordinair ƒ1514. 8. 8. minder, in anno pass=o is ten Lasten deeser gebragt, de rijs ongelden door den Eerw: heer predicant, bij het doen der kerk visite op alle de buij„ ten Comptoiren, ook het aangereekende van Jaffanapatnam weegens het verstrekte aan eenige voogel vangers van den Tanjoursen vorst. —. Reekening van Condemnatie en Confiscatie ƒ258. 4. minder, Eensdeels uijt het min„ der betaalde aan den cipier voor het verstreckte onderhoud aan de gevangene, als meede aan den scherpregter voorgedaane doodstraffen, als ook het mindere van Colom„ bo ten Laste gebragte weegens de toenmaals van hier naar derw=s gesondene gecon„ demneerdens. —. Zoldijen aan Land ƒ4939. 4. –. minder door een geringe aantal van Loontreckende dienaaren, en waartoe de versondene oosterlingen, meede veel hebben gecontribueerd —. Jnlandse Dienaaren Maandgelden ƒ 644. 8: –. minder, voort koomende uijt het niet zoo veel ten Laste gebragte van de buijten Comptoiren, ook het minder afbetaalde aan de Jnlanders, zoo aan die op de Chialoupen, en Thonijs, als bij de Equipagie hebben dienst gedaan„ Timmeragie en Reparatie minder ƒ 3395. 15. — door weijnige verbruijkte Kalk, steen„ en houtwerken, maar ook heeft hier meest aan toegebragt, het verbruijkte ijser in A=o aan pass:o aan de gerepareerde kruijtmoolen, waar in den loop deeser Jaar gelyk versogt niets gedaan is. —. Maandgelden van de Jnlandse krijgers of sipaijs ƒ244. 17. 8. minder, uijt een gerin„ ge aantal welke in dit geheele Jaar in dienst zijn geweest. —. Reekening van schenkagie ƒ 72:13:8. minder, uijt het mandere verschonkene bij diverse geleegendheeden. Nagapatnam Den 10. ' Februarij a:o 1770, voor ultimo augustus A:o 1769. /:was geteekend:/ P: J: L: De Filliettaz: negotie boekh=r Daar
English
The 12th of February 1770. Thereafter, the Lord Governor presented a petition submitted to His Honour by a certain resident of this place, Coensja Chittij, indicating thereby how his uncle or father's brother, by the name of Wenga Chittij Paraserama Chittij, when the village of Waddecoedij was still under the dominion of the Tanjore prince, or before the same along with several others was sold to the Company, had purchased for 30 pardaus a strip of land consisting of 4000 kuyls, at 18 human feet square each, according to a deed of sale on an ola concerning this dated 1 October 1728, the translation of which was annexed to that petition; having laid out and employed a portion thereof for the construction of a tierwasel or resting place, four Brahmin houses, the digging of a tank, and the laying out of a garden, while the remainder still lay uncultivated; but that he had not yet been able to have a secretarial deed of proof of ownership drawn up in accordance with the affixed notice, because he had been abroad until now; requesting therefore to be permitted to have a deed prepared as yet, while at the same time offering to pay annually to the Honourable Company for that land 6 pardaus or 2:1½ pagodas, being 11 guilders and 5 stivers. The aforementioned petition and annexed translation of the purchase ola read as follows: To the Right Honourable and Valiant Lord The 12th of February 1770 Pieter Haksteen Extraordinary Councillor of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director of this Coast of Coromandel, with its dependencies, etc., etc. Right Honourable and Valiant Lord, With great respect, Your Right Honourable and Valiant's very humble subject, Coensja Chittij, resident here, shows how the lands situated in the Company's village of Waddecoedij, measuring 4000 kuyls, each of 18 human feet, were purchased by his uncle or father's brother named Wengachittij Parsarama Chittij, when that village still fell under the dominion of the Tanjore prince, for 30 pardaus, according to the purchase ola dated 1 October 1728, the translation of which is attached hereto; on which have since been constructed a tierwasel, a tank, a garden, and four Brahmin houses, the remaining lands still lying vacant and uncultivated; with a humble request (as, owing to his absence abroad, he has not been able to do so sooner than now) that he may be permitted to have a secretarial deed of proof made thereof to serve as better or more sufficient evidence, promising and binding himself hereby to give annually 6 pardaus for this to the Honourable Company; furthermore requesting that the aforementioned translation of the purchase ola, after having been read, may be returned to him. Which doing, etc. Was signed in Malabar characters with the signature of the aforementioned Coensja Chittij. In the margin: The undersigned, having inquired into the truth of the matter mentioned above, the natives and inhabitants of the aforementioned village, named Kete Peermaal and Welaijdom Paele, have declared in truth that they know very well not only that those 4000 kuyls of land were purchased by the native Wenga Chittij Perserama Chittij, but also that he had the choultry, tank, etc., made thereon as a work of charity; likewise, that all the witnesses mentioned in the said purchase ola were deceased. Nagapatnam, the 10th of January, in the year 1770. Was signed: N. Campie. Translation of a Malabar land sale ola, the contents of which are as follows: Salivahana Saka era, that is the year 1660, the year Keelaka, on the 21st of the month of Purattasi, the fourteenth day after the full moon, when the star Uttiram, which is the 12th of the 27, shone, that is according to our reckoning of time the 1st of October in the year 1728, this land sale ola was executed; granted by Poellinaijagam Poele and Tieroemenca Poele and associates, residing in Waddecoedij, to Wenga Chittiaar Parseramachittiaar, son of Wierappa Chittiaar, residing in Nagapatnam. Since you have requested us to perform works of charity in our village of Waddecoedij, by making a choultry, a tank, a garden, and an agraharam (houses for the Brahmins, etc.), we acknowledge that you have purchased from us for that purpose two morgens of land, bordered on the east by a piece of land named Elingaij Illepetoop, on the south by the water canal of the village of Tetti, on the west by the canal of the village of Pagaedaijem, on the north by the canal of Meelnagoer, for 30 pardaus. And since we have received these thirty pardaus all at once, you, your children, and further family may use that land for the aforesaid works of charity as long as the sun and moon illuminate the earth. Having agreed in this manner, this land sale ola was executed and granted by Poelle Naijagam Poele and Tieroemenia Polle and associates to Wenga Chittiaar Parsarama Chettij, and was written down by Cannapadij, canacapulle of the pagoda. At the head of the second page was signed: Poelenaijgom; and further: according to the statement of Poele Naijgom, signed: Aroenassalam; below: we know this as witnesses, signed: Rama-aijen, Pallacadoe Wanginadapoele, Mancoedran Peria Tambij Bettinan Aniappa, Cannagasabhe, Meelnagoer Waijtinaden, Armogam, canacapulle of the village; there also were 7 marks representing the signatures of Walliaatjea Poele, Dewaraaija Poele, the choultry manager, Tittipoele Apoepoele, China Poele, Arigara Poetira Poele, and Nalacadoe Naraijna Poele. Underneath stood: For the translation, according to the translation of the Brahmin Wengetasoeberaijer-aijen, Nagapatnam, the 16th of January 1769. Was signed: Cornelis Obdam, sworn translator of the villages.
Dutch transcription
251 Den 12e. febr: 170. om als nog een bewijste brengen laten maken vaan een stuk grond „schied. —. pard=s aan Hb. Comp:s te betaelen jnsertie van zijn request, en de koop ole der grond Daar na leijde den heer gouverneur over een request door den gedaan verbolek door zeeker inhanden inwoonder deeser steede Coensjachittij aan zijn Edele gepresenteerd, daar bij te kennen geevende, hoe dat zijn oom of vaders broeder in naame Wenga chittij Paraserama chittij toen het dorp Wadde Coedij nog onder het gebied van den Tanspoersen vorst of voor dat het zelve neevens nog meer andere aan de Comp: verkogt was, een strook Lands 4000. kuijlen, â 18. mans voeten in het quadraad ider, bestaande, volgens daar van zijnde koop ole gedateerd 1. ' october 1728. waar van het Translaat aan dat Request geannexeerd was, voor 30. pard=s gekogt hebbende een gedeelte daar van aangelegd en g'emploijeerd hadde tot het op„ bouwen eener Tierwasel of rust plaats, vier braminees huijsjes, graven van een tank en aanleggen eener thuijn mitsg:s de rest nog teegen onbesaaijd lagen, dog daar van als nog ingevolge het en waarom zulx met eender is ge„ g'affigeerd billiet geen secretarieele acte van eijgendoms bewijs hadde konnen laaten maaken, dewijl hij duslange uijtlandig geweest was, versoekende mits dien gepermitteerd te werden om als nog een acte te moogen laaten vervairdigen, teffens aan aan bod om sjparlijk daar voors. biedende voor die grond 6. pard=s of 2.:1½. pag: ƒ 11. 5. sjaars aan dE: Comp=e te sullen opbrengen, luijdende gemelde versoek schrift en annexe Translaat koop ole aldus. — Aan Aan den wel Edelen Gestrengen Heer Den 12. febr: 1770 Pieter Haksteen Raad Extraordinair van Nederlands Jndia mitsg=s gouverneur en directeur deeser custe Cormandel, met den resorte van dien N=a &=a Wel Edele Gestrenge Heer Geeft met veel Eerbied te kennen uwel Ed: gestr: seer geringe onderdaan coensja chittij inwoonder alhier, hoe dat de Landerijen leggende in 'sComp=s dorp waddecoedij groot 4000. Ruijlen ider van 10. mans voeten door zijn oom of vaders broeder genaamt wengachittij parsarama chittij toen dat dorp nog onder 't gebied van den Tansjoursen vorst zorteerende gekogt hadde voor pard=s 30. , volgens de daar van zijnde Koopole ged=t den 1. ' 8ber: 1728. welkers translaat hier bij gevoegd is, waarop zeedert gemaakt zijn een Tierwasel, een tank, een thuijn en vier bramineese huijsjes, leggende de resteerende gronden nog leeg en onbesaaijd, met ootmoedig versoek (:mits uijtlandig„ heijl 't zelve niet eerder hebbende konnen doen dan nu :/ dat het hem mag werden gepermitteerd, om een secretarieele bewijs daar van te koonnen laaten maaken om te dienen tot een beeter of suffi„ santer bewijs, belooven en verbindende teffens bij desen daar voor aan dE: Comp=e sjaars te zullen geven pard=s 6. versoekende verders nog dat 't booven gem: translaat Coopole naargenomen lectura aan hem weeder terug mag werden afgegeeven /:onderstond:/ 'T welk doende /:was getee„ kend:/ in mallabaarse Caracters de handteekening van voorm: Coensja Chittij /:in margine:/ Door den ondergeteekenden na de waarheijd van de zaak hier booven vermeld geinquireerd zijnde, hebben door de in landers en inwoonders van gemeed dorp in naamen Kete Peermaal en Welaijd om paele in waarheijd verklaard, dat ze wel weeten niet alleen. dat die 4000. Kuijlen Lands door den Jnlander wenga Chittij, perserama Chittij gekogt te zijn, maar ook dat denselven tot caridaat werk daar 253 den 12. . febr: 1770. daar op de sjauderij, Tank, ensz: hadde Laaten maaken; zoomeede, dat alle de getuijgens die bij gemelde coopole vermeld staan overleeden waaren Nagapatnam Den 10:' Januarij Ao 170. /:was geteekend:/ N=s Campie, Translaat Eener Malabaarsche grond verkopings ola van in houde als volgd. Saliwagana sacabedam, dat is 't Jaar 1660. Kilawarsom den 21:' van de maand peratasja de verthiende dag na de volle maan, wanneer de ster oettiram, die de 12. ' van de 27 is, scheen dat is na onse tijd reekening den 1:' 8ber: Ao 1720, is deese grond verkopings ola gepasseerd; door poelli„ naijagam poele en Tieroemenca poele c: s: te waddecoedij woonagtig, aan Wenga Chittiaar parseramachittiaar, Zoon van Wierappa chittiaar te Nagap=m woonagtig verleend. —. Dewijl uw ons versogt heeft om werken van barmhertigheijd in ons dorp wadde„ coedij, te pleegen, door het maken van een chiauderij, een Tank, een thuijn in Abraharam /:huijssen voor de braminees &a:/ zoo bekenne wij uw daar toe twee moregen land belendende ten oosten een stuk Land gen=t elingaij Jllepe„ toop, ten zuijden het water canaal van het dorp Tetti, ten wetten het Canaial van het dorp pagae daijem, ten noorden 't Canaal van Meelnaoer, voor 30. pard=s gekogt te hebben; En dewijl wij deese dertig pard=s ten eener klaps ontfangen hebben, soo kan uw, desselfs kinderen, en verdere familie dat land, tot voorsz: werken der barmhertigheijt gebruijken, zoo lang son en maan het aardrijk bescheind. —. Jn deser voegen overeengekomen wesende, is deese grond verkoopings ole ge„ passeerd en verleend, door poelle Naijagam poele en Tieroemenia polle C: S:, aan wenga Chittiaar parsarama Chettij, mitsgaders bij Cannapadij Canne„ cappel van de pagood rhee beschreeven /:in't hoofd van de tweede zijde stond geteekend „hoelenaijgom /:en voorts:/ volgens het zeggen van poele Naijgom /:geteekend:/ Aroen assalam /:lager zulx weeten wij als getuijgen /:geteekend:/ rama-aijen, pallacadoe wanginadapoele, Mancoedran Peria Tambij Bettinan Aniappa, Cannagasabhe Meelnagoer waijtinaden, armogam, cannecapel van't dorp, nog stonden 7. merken, voorde handteekening van walliaatjea poele, de wa„ raaija poele, sjauwerij paddijaatje, tittipoele apoepoele, China poele, arigara poetira poele en Nalacadoe Naraijna poele /:onderstond/ voor de overset„ ling volgens vertaling van den bramine wengetasoeberaijer-aijen, Nage„ pabnam den 16:' Januarij 1769 /:was geteekend:/ Com=s obdam, g: Fansl=r soo A: D: Dorpen.— 7 aan en ma
English
the 12th of February 1770. Compliance with his request. Production of two lists of such brackish lands as the lessee has requested anew. Thus, after review thereof, and it having appeared from the inquiry made by the adigar of the villages that the allegations made by the petitioner Coensja chittij were true, it was approved and resolved to qualify him to have a deed of proof of ownership passed, provided he promptly pays annually the aforesaid amount of 6. pard s, which at the same time was resolved to be ordered by extract hereof to the adigar of the villages, and furthermore to have issued to that native, in accordance with his request, the aforesaid translation of the koopole. Furthermore, the aforesaid Lord Governor brought to the table two lists, both of such brackish lands which, upon the measurement of the lands ceded in perpetual lease to the native Draadja Wenkateesjam Chittij pursuant to what was resolved in the resolution of the 27th of October 1769, were found to be more than the 17514. -. Ruijlen mentioned in the first list or the one submitted on the said day; as well as of diverse strips of land consisting of 66910. Kuijlen, which the said Draadja wenkateesjam Chittij and his guarantor Mahameth Miera Seeg Mahometh Marcair have declared, since that first cession, to be willing to take over further for cultivation and sowing, upon the conditions specified and stipulated on that day, from the saline lands and those deemed unfit for sowing, thus amounting with the aforesaid lands found in excess upon remeasurement, being 255 the 12th of February 1770. Being 49403 Ruijlen, in total to 116321. Kuijlen, which they have requested anew to obtain, and located in such villages as are more specifically set forth in the lists following below. Insertion of the same. List of the brackish lands situated in the Honorable Company's villages to be mentioned hereafter, which were ceded and relinquished in perpetual lease to the native Draadja wenkatees jam chittij aar according to the deed of obligation concerning the same and the resolution adopted on that account in the Council of Coromandel on the 27th of October 1769, which were measured out to him and his guarantor Mahometh- Miera seeg Mahamet by the under-adigars of those aldeas, as well as of those found in excess thereof upon their exact remeasurement beyond those measured out to him, brackish and other lands that can in no way be sown, which were also taken over by the said Draadja Wenkateesjam chittiaar, provided that he pays annually for these as well 40. fanums for every 1000. kuijlen, as all of this is specified below; namely. At Porwalacherij, not reported among the saline lands, but now found to have: 1: —. k: 70. —: Caderwel ancaddel, measured out according to lease condition: 2000. –. And taken from the brackish lands that absolutely or in no way can be sown: —. 3960. -. At Anthonij fette, according to condition: 1500. —. And found in excess upon exact remeasurement: 1000. -. Carried forward: r: 3500. t. 4680. —. Brought forward: Nko 3500. k: 4680. –. At Poetoer, according to condition: 2000. - And found in excess upon the transport: 1010. –. At Nariancoedij, according to condition net: 3000. –. At Nertemangalam, according to condition: 311. –. And found in excess upon the transport beyond what was measured out: R: 2808 -. And taken from the brackish lands that in no way can be sown: 1000 –. — 3808. -. At Sjangamangalam, not reported to have saline lands, but now found: — 2000. —. At Caddembaddij, according to condition: 5700. -. And of the brackish lands that are of no use: —. 2700. —. At Aijwenelloer, no brackish lands reported, but now presented by the inhabitants of that village to the said lessee in brackish lands and sand dunes: —. 4000. —. At papacoil, according to condition net: 19060. —. At welaganie or senhora de saudie, according to condition: 500. –. At weldeke or North poeijoer, according to condition: 1000. –. At seke or South poeijder, according to condition: 9050. —. At Chittij cherij, according to lease condition: 600. –. And of the lands that are kept for pasturing the animals, in size Kuijlen 6085: —. 1400. —. At Callas Jambadie, according to condition: 2098. –. Of the lands situated by the river kept for pasturing the animals, kuijlen 1480a: — 10367. -. At Akaaram oretoer, according to condition: 1000. –. Assigned by the Brahmins and inhabitants of that aldea to the said lessee in brackish lands that are not noted in the previous list: —. 4241. –. At Neijwelie, according to condition net: 19500. –. Assigned by the inhabitants of that aldea to the said lessee, which are also not noted in the previous list: —. 2587. –. At Carwelie, according to condition: 700. –. At Coetanbaratan Jrpoe, not reported to have brackish lands, but now found: —. 3000. –. Carried forward: ½ 60814: ½: ƒ93. —. The 12th of February 1770. 11
Dutch transcription
den 12e. febr: 1770. Condesc endomce in zijn instantie productie van twee notitien van zoodee„ „nige bracken gronden als den pagter op nieuw vrogt heeft. Soo wierd na resumptie derselve, en uijt de gedaane in formatie door den adigaar der dorpen gebleeken weesende de waarheijd van 't g'allegueerde door den suppliant Coensja chittij goedge„ vonden en verstaan, denselven tot het doen passeeren van een acte van eijgendoms bewijs te qualificeeren, mitsJaarlijk prompt betaalende het voormeld montant van 6. pard s, het geen teffens verstaan wierd bij Extract deeses den adigaar der dorpen aantebeveelen, en voorts aan dien inlander inge„ volge zijn versoek te laaten afgeeven voormeld translaat koopole. Nog wierd door welmelde heer gouverneur ter tafel gebragt twee notitien soo van soodanige bracke landen welke bij toemeeting van de aan den Jnlander Draadja Wenkateesjam Chittij ingevolge het geresolveerde ter resolutie van den 27:' october 1769. in Eeuwige pagt afgeslaane Landerij en meerder bevonden zijn„ dan bij de Eerste of ten gemelden dage ingediende notitie vermel„ de 17514. -. Ruijlen; als van diverse strooken Lands bestaande 66910. Kuijlen, die gedagte Draadja wenkateesjam Chittij, en sijne borge Mahameth Miera Seeg Mahometh Marcair zeedert die eerste afstand verklaard hebben, op de Conditien ten dien dage bepaald en gestipuleerd nog ter Cultiveering en besaaijing te willen overneemen, uijt de siltige en tot besaaijing onbequaam gekeurde gronden, bedraagende dus met de voormelde bij nameeting meerder bevondene landen zijnde 255 den 12e. febr: 1770. Zynde 49403 Ruijlen in het geheel 116321. Kuijlen, die zij op nieuw versogt hebben te moogen erlangen, en in soodanige dorpen gelee„ gen als bij de hier ondervolgende notitien nader gespecificeerd jntertie derselve staan. —. Notitie van de bracke gronden leggende in de naar temeldene 'sComp=s dorpen alhier, die aan den inlander Draadja wenkatees jam chittij aar volg=s 't daar van zijnde verbandschrift, en het dierweegens genomen besluijt in raade van Cor„ mandel op den 27. ' october 1769. in een Eeuwig pagt gecedeert en afgestaan waren, dewelke door de onderadigaars dier aldeas aan denselven en desselvs borge Mahometh- Miera seeg Mahamet zijn toegemeeten geworden, zoo meede van de bij dies nette nameting daar bij meerder bevondene dan aan denselven toegemeetene bracke en andere gronden die ten eenemaal niet besaaeijd konnen werden, welke ook door gemelde Draadja Wenkateesjam chittiaar zijn overgenoomen, mits daar voormeede sjaars behaalende 40. fa„ nums voor ider 1000. kuijlen, gelijk dat een en ander hier onder werd gespecificeerd; als. —. Te Porwalacherij niet opgegeeven van de ziltige gronden, maar thans bevonden te hebben. 1: —. k: 70. —: Caderwel ancaddel volgens pagt conditie toegemeet en. . . . „ 2000. –. En van de bracke gronden die absolut of ten eenemaal niet besaaijd konnen werden genoomen - - - - - „ —. „3960. -. „ Anthonij fette volgens conditie - - - - - - - „ 1500. —„ „ 1000. -. En bij nette nameeting meerder bevonden - - - - - „ Transporteere. . - r: 3500. t. 4680. —. P„r Transport - Nko 3500. k: 4680. –. Te Poetoer volgens conditie - - - - - „ 2000. - En bij 't Transporteere meerder bevonden - - - - - - - „ 1010. –. „ Nariancoedij volgens conditie netto - - - - - - - „ 3000. –. „ Nertemangalam volgens Conditie - - - - - - - „ 311. –. E Bij 'tt transporteeren meerder bevonden dan toe„ gemeeten. . . . . . . . . . . R: 2808 -. En van de bracke gronden die ten eenemaal niet besaaijd konnen werden genoomen. - - „ 1000 –. –„ — - „3808. -. „ Sjangamangalam, niet opgegeeven ziltige gronden te hebben maar thans bevonden. - - - - - - - „ — - „ 2000. —. - - - - „ 5700. -. „ Caddembaddij volgens Conditie - -- En van de bracke gvonden die tot niets nut zijn - - „ —. - „ 2700. —. „ Aijwenelloer, geen bracke gronden opgegeven dog thans door de inwoonders van dat dorp aan gem: pagter gepresenteerd aan bracke gronden en zantzuijnen. . - „ —. - „ 4000. —. „ papacoil volgens Conditie netto - - .. - - - „ 19060. —. „ welaganie of senhora de saudie volgens conditie. - . „ 500. –. „ weldeke of Noorder poeijoer volgens conditie - - - - „ 1000. –. „ seke of Zuijder poeijder volgens conditie - - - - - - „ 9050. —. „ Chittij cherij volgens pagt Conditie - - - - - - „ 600. –. En van de gronden die ter weijding der beesten gehou„ den groot Kuijlen 6085. - - - - - - - - - - - „ —. -„1400. —. „ Callas Jambadie volgens conditie - - - - - - - - - - „ 2098. –. van de gronden welke bij de revier leggende ter wijding der beesten gehouden kuijlen 1480a. - - - - „ — -„10367. -. „ Akaaram oretoer volgens conditie - door de bramineesen en Jnwoonders dier aldea aan gemelde pagter toegeweesen aan bracke gronden welke bij de voorige notitie niet bekend staan - . . „ —. „ 4241. –. „ Neijwelie volgens Conditie netto - - - - - - - - „ 19500. –. Door de in woonders dier aldea aan gem: pagter toegewese welke meede bij de voorige notitie niet bekend staan – – „ —. – „2587. –. „ Coetanbaratan Jrpoe niet opgegeven bracke gronden te „ Carwelie volgens Conditie - - - - - - - - - „ 700. –. hebben, maar thans bevonden - _ _ _ - - - - - „ —. - „ 3000. –. Transporteere - - - ½ 60814: ½: ƒ93. —. - - - - - - „ 1000. –. Den 12e. Febr: 1770. - 11
English
257 The 12th of February 1770. Brought forward . . . k 68019. k: 39793. -. At Paleanoer according to condition net . . . . . . . . . . . . . . 6000. —. At Boepatiraastjapoeram according to condition net . . . . . . . . 1000. –. At Paleoer according to condition net . . . . . . . . . . . . . . . . 9500. –. At Waddecoedie according to condition . . . . . . . . . . . . . . . 27700. -. Upon exact remeasurement found to be more . . . . . . . . . . . . . 2300. —. At Biermadeesjam according to condition . . . . . . . . . . . . . . 2250. –. Upon transferring found to be more . . . . . . . . . . . . . . . . . 316. —. At Aijwelie according to condition . . . . . . . . . . . . . . . . . 1800. –. Taken over by the said lessee in brackish lands, sand dunes, and pandanus thickets, which were not previously measured by the under-adigar . . . . . . . . . . . . . . 3170. —. At Palecadoe according to condition . . . . . . . . . . . . . . . . . 1245. –. Upon exact remeasurement found to be more . . . . . . . . . . . . . 600. —. At Paringinelloer no brackish lands were reported, but now found among the lands of Tiroemenij Chittij . . . . . . . . . . . . 2224. —. Together in brackish lands according to the aforesaid bond: k: 117514. -. And found upon the measurement and transfer thereof to be more than the brackish and other lands ceded to him, which can completely not be sown, are: k: 49403. —. Nagapatnam the 5th of February Anno 1770. /:was signed:/ V:s Campie A: of the Villages /:lower:/ 117514 kuyls of land according to the condition mentioned hereinbefore at 40 fanams per 1000 kuyls amount together to pardaus 4700. 50. 49403 Kuyls of land that are now found to be in excess and have also been taken over, likewise calculated at 40 fanams per 1000 kuyls, comes to 1976. 10. Together 166917 Kuyls of brackish lands yield this year pardaus 6676. 60. or old pagodas 278. 4. 60. Note of the brackish or saline lands located in the undermentioned Company villages that can completely not be sown, which on the order of the Honorable 8 -. -. 8 000. —. 400. —. 367. –. 1241. –. —. 93. —. The 12th of February 1770. Conditions Measured out in the village of Caderwelencadel . . . . . kuyls 11130. –. In the village of Callasjambadie ditto . . . . . . . . . . . . . . 2000. –. In the village of Akraramoretoer ditto . . . . . . . . . . . . . 3000. —. In the village of Cluttijcherij ditto . . . . . . . . . . . . . . 2500. –. In the village of Caddembadie ditto . . . . . . . . . . . . . . 11804. —. In the village of Papacoil ditto . . . . . . . . . . . . . . . . 5866. —. In the village of Poetoer ditto . . . . . . . . . . . . . . . . . 8148. —. In the village of Paleanoer ditto . . . . . . . . . . . . . . . . 6300. —. In the village of Aijwelie ditto . . . . . . . . . . . . . . . . 2230. —. Together Kuyls: 66919. –. Nagapatnam the 10th of February 1770. /:was signed:/ N:s Campie A: of the Villages /:in the margin:/ at 40 fanams per 1000 kuyls, comes to pardaus 267. 6. 60. or pagodas 11. 12. 60. In the village of Japanacherij ditto . . . . . . . . . . . . . . 3000. –. Ditto ditto . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10940. —. Cession of all the aforesaid lands. The highest esteemed Lord Governor therefore considered whether one could not also simply cede those lands for the same payment of 40 fanams for every 1000 kuyls of land and on the same conditions as were stipulated concerning the lands previously ceded at the session of the 27th of October of the past year, so the Honorable, Valiant Pieter Haksteen, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, and Governor and Director of this Coromandel Coast, which were measured out by the under-adigars of those villages to the residents here in the name of Draadja Wenkateesjam Chittij and Mahameth Miera Seeg Mahameth, namely: is E 259 The 12th of February 1770. to give notice of. and by the lessee a further deed yields according to the forwarded model After deliberation, the proposal of the esteemed Lord Governor was unanimously applauded, and accordingly it was approved and resolved to cede the aforesaid 16321 kuyls of land to the said Draadja Wenkateesjam Chittij on the basis of the intended advantages that are contained therein for the Honorable Company, as demonstrated in detail in the aforesaid resolution of the 27th of October, as there will, beyond the 470 pardaus or pagodas 195. 20. 50. f 881. 7. 5. 1/2 for the previously ceded lands, now also be received annually pardaus 465. 270. or pagodas 198. -. 70. f 89. 3. 4. 1/2; thus for the 233835 Kuyls ceded in two instances, pardaus 935. 3. 40. or pagodas 389. 17. 40. f 1753. 15. 10. For the prompt collection of which, in accordance with the convention made at the aforesaid resolution of the 27th of October of the past year and the extension at the session of the 4th of December, it was further resolved to instruct the adigar of the villages by extract of this, and to have the said Draadja Wenkateesjam Chittij execute the aforesaid deed of cession and further deed, and have the sureties sign it alongside him. Subsequently, the said Lord Governor brought into deliberation the issued order by Their High Mightinesses in their honored extract general resolution of the 30th of September 1768, accompanied by a later decision on that subject of the 16th of May 1769, concerning the formatting of the yields of the merchandise and other goods being sold, in accordance with the forwarded
Dutch transcription
257 Den 12 ' febr: 1770. Per Transport. . . k 68019. k: 39793. -. . - - - - - „ 6000. —. Te paleanoer volgens conditie netto. „ Boepatiraastja poeram volgens conditie netto. - . . - . „ 1000. –. „ paleoer volgens conditie netto. . . . . . . . . . „ 9500. –. - - - - - - - „ 27700. -. „ wad de coedie volgens conditie- - Bij nette nameeting meerder bevonden - - - - - „ —. -. „ 2300. —. „ Biermadees Jam volgens conditie. . . - - - - - - - „ 2250. –. Bij 't Transporteeren meerder bevonden - - - - „ —. - „ 316. —. „ Aijwelie volgens conditie - - - - - - - - - - - „ 1800. –. Door gem: pagter na genoomen aan bracke gronden, Zandduijnen en Caldeerbossen, welke door den onder adigaar te vooren niet gemeeten zijn - - - - - - „ — - „ 3170. —. „ palecadoe volgens conditie - - - - - - - - „ 1245. –. Bij nette nameeting meerder bevonden - - - - - - „ —. -. „ 600. —. „ paringinelloer geen bracke gronden opgegeeven maar thans -. - „ 2224. —. bevonden onder de landerijen van Tiroemenij chittij. . . . „— Tesaamen aan bracke gronden volgens 't voorm: ver„ . . . . . . . . . k: 117514. -. bandschrift. 5 ƒ En de bij dies Toemeeting, en Transporteering meer„ der bevonden dan aan denselven afgestaane bracke en andere gronden, die ten eenemaal niet besaaijd konnen werden, zijn. . - - - - - - - - - - - k: 49403. —: Nagapatnam den 5. ' febr: A:o 1770. /:was geteek:d:/ V.:s Campie A: v: Dorpen /:laager:/ 17514. kuijlen lands volgens Conditie hier voorengemeld tee„ gens 40. f=s de 1000. kuijlen koomen te samen staan p=s 4700. 50. 49403. Kuijlen lands die thans meerder bevonden, en ook overgenomen zijn meede teegens 40. fen. s de —1000. Kuijlen gereekent komt - - - - - - „ 1976. 10. Tesaamen 166917. Kuijlen bracke Landen diesjaars opbrengen. . V. s 6676. 60. of oude pagoden 278. 4. 60. —. Notitie van de in de naartemeldene 'scomp=s dorpen zijnde bracke of ziltige gronden die ten Eenemaal niet besaaijd konnen werden, welke op ordre vanden wel Edelen 8 -. -. 8 000. —. 400. —. 367. –. 1241. –. —. 93. —. Den 12. Febr: 1770. Condatien In 't dorp Caderwelen cadel toegemeeten. . . . . tuijl: 11130. –. „ „ „ callasjambadie. _o. . . . . . „ 2000. –. „ „ „ Akraram oretoer. . _:o - - - - - - - - „ 3000. —. „ „ „ Cluttij cherij. . . . _o. . . . - - - - „ 2500. –. „ „ „ Caddembadie. . . _o - - - - - - - „ 11804. —. „ „ „ papacoil - - - - _. o - - - - - - - „ 5866. —. „ „ „ poetoer. . . _ o. - - - - - - - „ 8148. —. „ „ „ Paleanoer. . . _o. . . . . . - „ 6300. —. „ „ „ Aijwelie. . . . . _:o . . . . . . „ 2230. —. Tesaamen Kuijlen. - - . 66919. –. Nagapatnam Den 10:' Febr: 1770. /:was geteekend:/ N=s Cam„ pie A: D: Dorpen /:in margine:/ â 40. fan=s de 1000. kuijlen, komt par„ dauws 267. 6. 60. of prag: 11: 12: 60. —. „ „ „ Japanacherij . _ o - - - - - - - „ 3000. –. „ „ „ _o. . . . _o . - - - - - „ 10940. —. afstaning van de aler op de vorge Leggende hoogst gedagte heer gouverneur oversulx in omwage of men die landen meede niet maar soude konnen afstaan voor deselve betaling van 40. fanums voor ieder 100. kuijlen lands en op deselvee voorwaarden als omtrend de bevoorens ter sessie van den 27:' october de anno pass=o gecedeerde Landerijen bedongen sijn, soo wel Edelen gestr: heer pieter Haksteen, raad Extraordinair van Nederlands Jndia, mitsg=s gouverneur en directeur deeser custe Cormandel, door de onder adigaars dier aldeas aan de Jnwooon„ ders alhier in naame Draadja wenkateesjam„ Chittij, en Mahameth Miera Seeg Mahometh zijn toegemeeten geworden; als. —. is E 259 den 12e. febr: 1770. van kennisse te geven. en door den pagter een nadere acte dementen na 't overgesonden model is na deliberatie, den voorstel van welgedagte heer gouverneur Con„ sonantelijk geapplaudeerd, en mits dien goedgevonden en verstaan voor„ schreeven 16321. kuijsen lands aan gedagte draadja wenkateesjam chittij te cedeeren op fondament van de b'oogde voordeelen, welke voor dE: Comp=se daarin opgeslooten leggen, ter voorsz: resolutie van den 27. ' october in het breede aangetoond als zullende daar voor buij„ ten de 470 /8r. pard=s of pag: 195. 20. 50. ƒ 881. 7. 5. ½. voor de bevoorens overgelaatene Landen als nu Jaarlijks nog in koomen pard:s 465: 270. of pag: 198. –. 70. ƒ 89. 3. 4. ½. dus voor de in twee rijsen afgestaane 233835. Kuijlen pard. s 935. 3. 40. of pag: 389. 17. 40. ƒ 1753. 15. 10. voor welkers prompte inkoming Conform de gemaakte Conventie ter voorsz: Resolutie van den 27.:' october de a. o passo en de am„ pliatie ter sessie van den 4:' december: daaraan alverder verstaan bestuijt den adigar de dosen an wierd den adigaar der dorpen bij Extract deeses aante beveelen, en van voormelde afstand en nadere acte door gedagte Draadje te doen passeren Wenkateesjam Chittij te doen passeeren, en neevens de borgen onderteekenen. —. Vervolgens leijde welmelde heer gouverneur in deliberatie de g' esse, deliberati verde ordr omderen„ dieerde ordre door haar hoog Edelens bij hoogst derselver gevenereerde formeren Extract generaale Resolutie van den 30:' 7ber: 1768. g'annexeerd van een Laater besluijt over dat sujet van den 16. ' Meij 1769. na„ pens het formeeren der Rendementen van de verkogt werdende Coopmansz: en andere goederen Conform de daar van overgesonde„ ne
English
the 12th of February 1770. The meeting unanimously resolved, regarding this matter, to make no changes in the books, but solely, as said before, to have a general Return formed annually, debited with such debit entries as the received model dictates, and to send the same along with the books to Batavia. Consequently, in order to fulfill the intention, it was further understood and arranged as follows: That the respective administrators, both at this main factory and at the subordinate factories, shall be ordered to store all delivered goods separately in the warehouses, in order to be able to state, upon sale or dispatch, when and with which vessels they were received. That likewise the invoice clerk and others whom it concerns shall be instructed in the future to specify clearly on the invoices with what ship or vessel, and when, the dispatched goods were received at each factory, for the information of the administrators who receive them; just as the same should likewise in the future be clearly specified on the warrants to be issued for the merchandise and goods that are brought and unloaded here. Likewise to instruct the trade employees here to state accurately on the warrants that are made daily, each under its own heading as is prescribed in the model return, the products that are sold, and to observe the same both in the compilation which is delivered to the trade office monthly by the cashier after being collated with the warrants for the weighed-out parcels held by the storekeepers, as well as in the Return that is prepared from that compilation, just as the council further desired that the same shall also be observed at the factories in like manner. To which end the Council furthermore deemed it necessary that the storekeepers at this main factory, as well as those of the subordinate factories, should submit and send over monthly a note showing from where, when, and by what means they were brought, together with the day of the sale of those goods. But considering that this would increase the clerical work even more, and thus cause much trouble, it was understood, with respect to this main factory, to let the storekeepers suffice with providing such a note only once a year, as of the last of August, for those sent from here to the factories; and to instruct those of the subordinate factories, or the seconds of the same whom the trade affairs mainly concern, to form and send over, alongside their summaries, a general return according to the received model, agreeing in all respects with the profit account in their books, so that these can and must serve for the preparation here of a similar general Return for the whole of Coromandel. For which purpose it was furthermore resolved to transmit the necessary orders to the chiefs of the subordinate factories, sending the received model Returns and other documents relating thereto, to serve for the information and observance of those whose department it is to prepare the required papers. It being further taken into consideration that the greatest part of the merchandise for this Coast is brought from Batavia directly to this main factory, and sent from here to the subordinate factories according to the requirements there, as well as from one factory to another, so that upon them the charges of expenses for sloops, servants, and risk of the sea, and administrative charges, ought also to be debited, and of which the model return nevertheless makes no mention, it was understood to request their High Excellencies' further revered decision regarding this; and to note further in this matter that all goods sent from here to the factories, as well as from one factory to another, are debited with 1.½. per cent for expenses on merchandise or administrative charges, which also caused the merchandise at the factories to have higher purchase prices than here at the main factory. And since at the factories, both in the storage of the trade wares as well as in their sale, administrative charges also occurred for boat hire, coolie wages, etc., it was resolved to instruct them to include the 1.½. per cent administrative charges in their general Return, as was indicated in the model Return, even though those goods were already charged with 1.½. per cent upon dispatch from here. The stubbornness in which the Palicol merchants equally obstinately continue, regarding the reimbursement of the amount of pag: 697. 16. 7/8. ƒ 3139. 11. 6. 1½. credited to them in excess through abusive handling to the disadvantage of the Honorable Company concerning the 4. per cent that was
Dutch transcription
den 12: febr: 170. tentie te veldoen. „ken hoofde de vergadering eenparig besloot, daar om„ trend dan ook geen verandering bij de boeken te maaken, maar eenelijk, gelijk voorsegd, Jaarlijx Een generaal Rendement te doen formeeren, beswaard met sodanige last posten, als het ontfangene model komt te dicteeren en het zelve neevens de boeken naar Batavia optesenden, wat inberdam del, om aandin, werdende mits dien om aan de Jntentie te voldoen, alver„ der verstaan het ondervolgende te beraamen. —. Dat de Respective administrateurs soo wel te deesen hoofdplaatse als de subalterne Comptoiren geordonneerd zoude werden, om alle de aangebragt werdende goederen, in de pakhuijsen appart op te slaan, ten eijnde bij verkoop of versending te konnen opgeeven, wanneer, en met welke bodems ontfangen zijn Dat inselver voegen de factuurhouder, en andere die het aangaat zoude werden gelast in het vervolg bij de factueiren duijdelijk te specificeeren, met wat schip of vaarthuijg, en wan„ neer de versonden werdende goederen op ider Comptoir ontfan„ gen sijn, tot narigt van de administrateurs, die deselve koomen te ontfangen, soo als het zelve ingelijker voegen bij de te verleenene ordonnanties in het vervolg duijdelijk zoude moeten werden gespecificeerd van de Coopmansz: en goederen die alhier werden aangebragt en gelolt. —. Insel vervoegen 263 den 12e. febr: 1770. Inselvervoegen de negotie bediendens alhier te gelasten bij de da„ gelijks gemaakt werdende ordonnanties nauwkeurig bekeend te stellen, ider onder zijn eijge titul, gelijk bij het moddel rendement voorgeschreeven is, de producten die verkogt werden en 't selve teffens als soo wel bij de t' saamentrecking, die daar van, door den cassier maandelijks, na dat met de ordonnanties van de uijtgewoogen parthijen onder de pakhuijsmeesters berustende geconfronteerd zijn, op het negotie Comptoir werden afgegee„ ven, te doen observeeren, als bij het Rendement dat uijt die 't' saamen trecking werd afgemaakt gelijk de veregede„ ring nog begeerde dat het selve op de Comptoiren meede ingelijker voegen sal werden in agtgenoomen. —. vervolg Ten welken eijnde den Raad alverder noodsaakelijk oordeelde dat de pakhuijsmeesters te deeser hoofdplaatse zoo wel als die der onderhoorige comptoiren maandelijk een notitie soude moeten overgeeven, en dit heen senden, ter aanthooning van waar, wanneer, en waarmeede aangebragt zijn, mitsgaders van den dag der verkoop dier goederen, maar gemerkt het zelve het schrijfwerk nog meer vermeerderen, en dus veel beslommering ver„ „zoo oorsaaken zoude i s verstaan ten opsigte van dit hoofd Comptoir de pakhuijsmeesters te laaten volstaan met de besorging van zodanig een notitie, maar eens sjaars onder E ver„ Den 12' febr: 1770. die van hier na de Comptoiren gesonden werden onder ultimo augustus, en die der subalterne Comptoiren of wel de secundens derselve die het negotie werk ten prin„ cipaalen aangaat te gelasten, om neevens hun somma„ riums een generaale rendement na het ontfangen moddel in alles met de winst reecquening bij derselver boeken accor„ deerende te formeeren en dit heen te senden, ten eijnde de„ selve dienen kunnen en moeten tot het opmaaken al„ hier van een diergelijk generaal Rendement van gants Cormandel, waar toe alvelder geresolveerd wierd de opper„ hoofden der onderhoorige Comptoiren de nodige beveelen te laaten toekoomen, onder toesending van de ontfangene modellen Rendementen, en andere documenten daar toe betreckelijk, om te dienen tot narigt en observantie van de geene van wiens departement het is, die gerequireerde papieren optemaken. —. te verseten nde desete e omenstin Nog in aanmerking gekomen zijnde dat het grootste ook met de mijlden besmaen moeten venre gedeelte der Coopmansz: voor deese Cust van Batavia direct te deeser hoofdplaatse aangebragt, en van hier na de onderhoorige Comptoiren na mate van de benodigt„ heijd aldaar afgestooken werden, soo meede van het eene Comptoir na het andere, oversulx daarop meede, de on„ gelden van onkosten van Chialoupen, dienaar en risico van de zee, en administratie ongelden, diende te werden, besweaard en 265 den 12e. febr: 1770. 4. p=r Ce van palicol. en waar van egter het model rendement niets quam te ge„ waagen, soo is verstaan daaromtrend de nadere gevenereerde dispositie van haar hoog Edelens te versoeken; en in deesen wijders te noteeren, dat alle de van hier na de Comptoi, en wat ten dien opsgte te niteeren ren gesonden werdende goederen als ook van het eene comp„ toir na het andere met 1.½. percento voor onkosten op Coop„ manschappen of administratie ongelden beswaart en daar ook gecauseerd wierd, dat de coopmanschappen op de Comptoiren horgere inkoops prijsen hebben dan hier ter hoofd plaatse, en dewijl op de comptoiren bij het opslaan der handelwhaaren soo wel als bij den verkoop derselve almeede administratie ongelden vielen van chialeng en Coelijloonen ensz: soo besloot men na derwaards te ge„ lasten bij derselver generaal Rendement de 1.½. p:r Cento administratie ongelden, gelijk bij het moetel Rendement bekend stond meede op te brengen, schoon die goederen bereeds bij versending van hier met 172. p:r Cento gecargeerd zijn. —. De onversettelijkheijd waarin de Palicolse cooplie gedaan ondersoek na de Maire van de den eeven halsterrig blieven continueeren, tot Rembour„ seering van de haar abusive behandeling in nadeele van d'E: Comp=e te veel gecrediteerd bedraagen van pag: 697. 16. 7/8. ƒ 3139. 11. 6. 1½. nopens de 4. percento die haar
English
as the same was found. Her Honour credited them for the merchandise that they were to take on delivery of cloths from the Jaggernaikpoeram warehouses, as mentioned in various resolutions of this board, in the letters written back and forth on this account between here and Palicol, as well as in the advices dispatched to Their Right Honours. This gave the Lord Governor reason to turn his thoughts to that matter, and to investigate whether there might not be some means to settle and do away with this odious affair, which has hitherto caused so much fruitless writing. For that purpose, in order to succeed therein according to wish, and to bring an end to the same in accordance with equity, without harm to the Honourable Company as well as to the merchants, he had caused everything relating to it to be accurately investigated and reviewed. Finding its course and circumstance to be such, His Honour deemed it necessary to inform this meeting thereof, presenting to that end initially that at that factory the contracts with the merchants were concluded in three-swami pagodas, being the currency in which all the cloths, except for the chintzes and dungarees, were paid for. 12 February 1770. were paid for. However, because one could not obtain so much gold of such a high alloy, and of that softness suitable for striking that coin, since the pagodas had to be completely flat and without a single fissure, one was therefore not capable of supplying more than a quantity of 30,000 to 40,000 pieces yearly, of which half still had to be employed for the purchase of woven goods at Jaggernaikpoeram. Consequently, the remainder was by no means sufficient to keep the collection of Palicol going, which usually amounted to a total between 70,000 to 80,000 pagodas, especially when the merchants applied themselves to meet the demands, as they had done in the last expired trading year. Therefore, upon the representation of the chiefs, those traders were granted permission to take from the Jaggernaikpoeram warehouses as many spices and other merchandise on delivery of cloths as they saw a chance to sell for cash to the merchants coming down from the upper lands, or to barter for cotton and yarn of the same. And that it was furthermore not unknown that the Honourable Company in the north, or rather at the factories of Jaggernaikpoeram and Bimelipatnam, sells the trade goods for new Nagapatnam pagodas with an agio of 4 percent, for which the Palicol merchants, alongside those of Jaggernaikpoeram, also dispose of them again. Consequently, the Palicol traders, for the 10,000 pagodas in merchandise taken over by them, receive again upon sale or barter 10,400 pieces of new Nagapatnam pagodas. These they are then obliged, for the continuation of the collection, to exchange into three-swami pagodas at a loss of circa 14 percent, to wit when they obtain Nagapatnam or Company three-swami pagodas for them. However, when the barter took place in Madraspatnam ditto, they had to lose 18 and more percent, notwithstanding that the Company's three-swami pagodas, or those struck here, are equal in fineness, or assay, and stamp to the Madraspatnam ones. Nevertheless, the strictness and whim of the natives, who will conduct trade and reckon in no other species of coin, was solely the cause that the English coin has the preference over others. Therefore, in the receipt and disbursement in trade, they ordinarily differ by 4 to 5 percent to the disadvantage of the Company's three-swami pagodas, from which it was easily deduced 12 February 1770. what the loss was to which the Palicol merchants were subject. That the aforementioned 10,000 pagodas in merchandise received by them with 4 percent agio being charged by memorandum or invoice from Jaggernaikpoeram per Palicol, the account of the merchants was debited for that, and against that, upon their vehement complaint made in the previous year regarding the loss, pursuant to the resolution of the government here of 7 April 1763, and the subsequent venerated approval of the same by Their Right Honours in their highest venerated letter of 4 June 1764, there was credited again 4 percent on the New Nagapatnam and 8 percent on the Porto Novo currency. That pursuant to the qualification of this government by letter of 8 April 1763, in the books of that factory from 1751 to 1764 inclusive, conforming to the transaction in the Palicol journal of the year 1763/4 on pages 47 and 48, for that added 4 percent, the merchants' account was credited for New pagodas: pagodas 6409: 4 with ƒ91656: 1: 12. And subsequently in the financial year 1764: 82: 12: — with 1696: 15: — anno 1765/6: 1209: 9: 12 with 547: 5: 10: —. anno 1766/7: 907: 1: 14 with 4083: 17: 3: —. Together: ƒ 76 9418: 8: 14 2 : 1 However, these should have been reduced into old pagodas with 8 percent agio to make three-swami, which the merchants by Carried over: ƒƒ6 940: 8: / 394: 8: 14: ½. new
Dutch transcription
hoedanig het selve bevonden is haar Edele aan deselve te goed deed op de Coopmansz: die sij op leverantie van lijwaten uijt de Jaggernaijk proe„ ramse pakhuijsen koomen te neemen, soo bij diverse Resolutien deeser tafel als de dierweegens over en wee„ der geschreevene brieven tusschen hier en Palicol, mits„ gaders afgevairdigde advijsen aan haar hoog Edelens vermeld, den heer gouverneur aanlijding gegeeven hebbende desselvs gedagten dierweegens te laaten gaan, en te ondersoeken of er geen middel zoude wee„ sen om die odieuse affaire die tot nog toe soo veele vreug„ teloose schrijvens veroorsaakt heeft, aftedoen, en uijt de weereld te helpen, uijt dien hoofde, om daar in na wensch te slagen, mitsgaders na de billijkheijd buij„ ten schaade van dE: Comp=e soo wel als de Cooplieden een eijnde van deselve te hebben, naauwkeurig hadde laaten ondersoeken en nagaan, alle het geen tot deselve Relatief was, en dies toedragt en gesteldheijd sodanig bevonden hadde, dat zijn Edele noodig oordeelde deese vergadering daar van kennisse te geeven vertoonende ten dien eijnde aanvankelijk dat ten dien Comptoire de Contracten met de Cooplieden geslooten wierden in drie beeldige pagoden als de munt zijnde waar in alle de lijwaaten, excepto de chitsen en dongrijsen wierden den 12e. febr: 170. betaald 267 den 12e. febr: 1770. betaald, dog vermits men soo veel goud van soo een hooge allooi, en van die sagtheijd, bequaam tot het slaan van die munt wijl de pagooden heel plat, en sonder een scheurtje weesen moest niet bemagtigen konde, men dierhalven niet in staat was Jaarlijks meeder dan een quantiteijt van 30000. â 40000. – stux te fourneeren, waar van nog de helft g'emploijeerd moeste werden tot den inkoop van gesaaijde goederen te Iaggernaijkpoeram in voegen de resteerende geensints toerijkende waren, om den Jnsaam van Palicol die gemeenlijk tot een montant van tussen 70. â 80000. pagoelen importeerende, gaande te houden, principaal wanneer de Cooplieden sig bevlij„ tigden, om de Eijsschen te voldoen gelijk in het Jongst afgelegde handel Jaar gedaan hadden, dierhalven aan die handelaars op de voordragt der opperhoofden ver„ gund is geworden uijt de Iaggernaijkpoeramse pak„ huijsen soo veel specerijen en andere Coopmanschappen op Leverantie van lywaaten te neemen als zy kans sagen aan de uijt de booven Landen afkoomende Cooplieden voor Contant te verdebiteeren, dan wel daar voor Cattoen en dito gaaren te triacqueeren En dat het wijders geen onbekende zaak was dat dE: Comp: om de noord of wel eijgentlijk o„p de factorijen Jaggerneijk„ poeram e poeram, en Bimelipatnam de handelwhaaren voor nieuwe Nagapatnamse pagoden met 4. percento opgeld verkoopt, waar voor deselve de palicolse Cooplieden neevens die van Iagger„ naijkpoeram ook weeder van de handsetten gevolgelijk de palicolse handelaars voor de bij haar overgenoomen werden„ de 10000. pagooden aan Coopmanschappen weeder bij verkoop of trocqueering komen te genieten 10400. stux nieuwe Na„ gapatnamse pagooden, die zij dan verpligt zijn, tot voort„ setting van den Jnsaam in drie beeldige pagooden, met een verlies c: c: van 14. percento te verwisselen, teweeten wanneer zij daar voor Nagapatnamse of Compagnies driebeeldige pagooden opdoen, dog de trocqueering in Madraspatnamse ditos geschiedende dan 18. en meer ten honderd verliesen moeste, niet teegenstaande de Comp:s of alhier gemunt werdende driebeeldige pagooden in fijnte, of Essaaij, en Stempel gelijkstandig met de Ma„ draspatnamse sijn, nogthans de naauwe gesetheijd en grilligheijd der Jnlanders, die in geen andere munt speci„ en de negotie drijven en bereekenen willen, eenelijk de oorsaak was dat de Engelse munt de preferentie boven andere heeft en daarom in de ontfang en uijtgave in den handel ordinair 4. â 5. p. r Cento verschillen ten nadeele van 'sComp=s driebeeldige pagooden waaruijt dus ligt aftelijden den 12 ' febr: 170. —. was H 269 den 12e: febr: 1770. was het verlies waaraan de palicolse Cooplieden onderworpen vaar Dat voorschreeven bij haar genotene 10000 pag: met 4. p:r C=o opgeld aan Coopmansz: bij memorie of factuur van Jaggerneijk p=r palicol ten Laste gebragt werdende daar voor de reecq: der Cooplieden wier„ den gedebiteerd, en daar en teegen op derselver voorjaarige hevige gedane doleantie over het verlies, ingevolge besluijt der regeering al„ hier van den 7:' April 1763, en daarop gevolgde gerenereerde approbe„ tie van het selve door haar hoog Edelens bij hoogst derselver gevene„ reerde missive van den 4:' Junij 1764. weeder ten goeden gebragt 4. p:r Cento op de Nieuwe Nagapatnamse, en 8. ten honderd op de portonovose Munt. —. Dat ingevolge de qualificatie deeser Regeering bij brieve van den 8: april 1763. bij de boeken van dat comptoir Zeed=t 1751. tot 1764. inclusive conform het verhandelde bij 't palicolse Journaal de a:o 176/¼. op paginas 47. en 40. voor die toegevoegde 4. ten honderd de cooplieden haare reeke„ ning gecrediteerd was voor Nieuwe pagoden - - - p /o 6409: 4 ƒ91656:1:12. En vervolgens in het boekjaar 1764: - - - - „ 82:12:—„ 1696: 15: - anno 1765/6 - - - - - - - - - - „ 1209: 9:12„ 547: 5: 10: -. anno 1766/„. . . . . . . . . - „ 907: 1: ¼4„ 4083: 17:3: -. Tesaamen - ƒ 76 9418: 8: 14 2 : 1 Dog dewelke hadelen mieten gereduceerd gewon„ den zijn in oude pagoden met 8. percento opgeld, om driebeeldige uijtmaaken, die de Cooplieden door Transporteere - - ƒƒ6 940:8: / 394:8:14:½. ieuwe
English
Brought forward - - - - - pagodas 9410: 17: 1/8 ƒ 4384:8:14:½. had received through this accommodation and in accordance with which no more was due to them than - - - 8721: 2. -. ƒ 39244: 17: 8. —. consequently the Palicol merchants were overcredited by - - . . . pagodas 697:16:1/8 ƒ 3139:11:6:1½. along with this demonstration that in the following financial years it had been handled in the same manner and of the continuous, unceasing complaints of the merchants that they could no longer bear the loss they suffered on taking receipt of merchandise, together with their continuous applications to obtain a higher augmentation, as well as their inflexibility regarding the payment of the aforesaid over-receipt in previous years, or permitting their account to be debited for it, regardless of all the demonstrations and persuasive arguments made to that end by the chiefs of Palicol and presented to those traders; that furthermore, compelling them to pay and using and applying means of constraint and force was by no means advisable, and even too hazardous, as this would not only completely halt the procurement, but the debts of those traders, which had decreased considerably over the past three years or so, and The 12th February 1770. in 271 The 12th February 1770. in the most recently closed financial year 1768/9, of which a considerable amount of ƒ27589:18:8:8 pagodas 6131: 2: 21: 1/8 was discharged, would again increase and grow, not to mention the importance of the procurement of that factory as providing the best white linens, which were preferred in Europe among the Northern Coromandel cloths, thus the consideration of these two weighty points was sufficient to desist from any coercive measures to be used to make the merchants repay the aforesaid over-receipt to the Honorable Company, and from which severity one had to deviate or depart even further when it was additionally taken into consideration that taking merchandise against the delivery of linens at that factory was far more profitable for the Company than supplying cash in three-image pagodas for that purpose, His Honour therefore presenting the following statement as an example for a better understanding of the same: The Honorable Company pays to the Palicol merchants for the continuation of the linen trade in three-image coin which in alloy make carats 20. 0. / ƒ 00. . —. And give a 2 percent loss upon reminting In contrast, Nagapatnam pagodas according to the new standard make only at assay - - - - - 18. —. 5½. Thus a difference of - - - - - carats 2: 8: - 1/10. Carried forward - - - pagodas 10000. -. 14:½. Brought forward - - - - - pagodas 10000. –. –. Which calculated at circa 11 ¼ percent in the premium on the above pagodas amounted to - - - - - - 1175. —. –. Thus making in new Nagapatnam pagodas that the Honorable Company paid out - - - - - - - pagodas 11175. –. –. And when now for the aforesaid 10000 pagodas merchandise was supplied which upon sale would yield new Nagapatnam pagodas with 4 percent premium. . . . . . . . pagodas 10400. –. -. adding thereto the 4 percent which the Honorable Company credits to the Palicol traders for indemnification. . - - pagodas 400. –. –. From which, however, deducted again, 1 percent discount in favor of the Honorable Company according to agreement with the merchants - - - 4. —. —. consequently added or credited to the merchants - - - 396. –. –. Those traders then actually receiving for the taken merchandise in new Nagapatnam coin - - - - - - 10796. –. –. The same then being deducted from the above sum of the cash provision, it appears that the Honorable Company benefited from the provision of merchandise by. . - - - pagodas 379. –. — Calculated at fully 3 ½ percent The 12 February 1770. To 18 2 2 1 6 2 273 The 12th February 1770. For further proof that the provision of merchandise is more profitable, the following was argued and demonstrated by His Honour, namely: The disadvantage that the Honorable Company suffered by crediting the merchants' account with the aforesaid new Nagapatnam . . . pagodas 396. –. –. Which should have been made into pagodas with 8 percent premium in order to equalize with the debit of the merchants, when the account of those traders would then only have to be credited for - - - 366: 14: 70: amounts to - - - - - - pagodas 29: 9: 10: And which, deducted from that which accrued to the benefit of the Honorable Company on the provision of merchandise. . . . 379: —. — Then still remained for the Honorable Company - - - pagodas 349: 14: 70. or fully 3 7/8 percent Over and besides avoiding the disadvantage that the merchants otherwise suffered regarding the exchange of new Nagapatnam into Madras three-image pagodas, which is the standard coin in trade to the north, and ordinarily, as said before, circulates 4 to 5 percent higher than the Company's three-image pagodas, not to mention the convenience brought to the Honorable Company, in the absence of Nagapatnam three-image pagoda species, by accepting merchandise, with respect to both the procurement and the vent, since otherwise when 18
Dutch transcription
Per Transport - - - - - p 7o 9410: 17: /8 ƒ 4384:8:14:½. door deese tegemoed koming ontfangen hadden en ingevolge van dien haar niet meerder gecompeteerd hadde dan - - - „0721: 2. -. „ 39244: 17: 8. —. over zulx de Palicolse cooplieden te veel gecrediteerd voor - - . . . pr/o 697:16:1/8 ƒ 3139:11:6:1½. met wij deze aanthooning, dat in de volgende boekjaaren in selvervoegen behandelt was geworden en van de continuee„ le aanhoudende klagten der Cooplieden, dat niet Langer supporteeren konde het verlies dat bij genot van Coopmansz: quamen te Lijden, mitsgaders derselver aanhoudende instantien ter erlanging van een hooger augmentatie, als ook van derselver onbeweeglijkheijd ter betaaling van voorsz: in de voorige Jaaren te veel genotene, dan wel der„ selver reecq: daar voor te laaten debiteeren, ongeagt alle de demonstratien en persuasive vertoogen door de opperhoof„ den van Palicol ten dien eijnde gedaan en aan die hande„ laars voorgehouden; dat wijders haar tot de betaaling te constringeeren en middelen van klem en force te ge„ bruijken en te appliceeren geensints raadsaam, en selvs te bedenkelijk was, alsoo zulx den Jnsaam niet alleen ten eenemaal stremmen, maar de schulden dier handelaars die seedert een Jaar of drie merkelijk gediminueerd waren, en Den 12e. febr: 170. in 271 Den 12e. febr: 170. in het Jongst afgelegde boekjaar 1768/9. daar van een aan„ sienelijk montant van ƒ27589:18:8: 8 pag: 6131: 2: 21: 1/8. af„ gelegd was, weeder vermeerderen en toeneemen soude, onge„ reekend nog de aangeleegendheijd van den Jnsaam van dat Comptoir als de beste witte Lijwaaten geevende, die in Euro„ pa onder de Noorder Cormandelse kleeden geprefereerd wier„ den, dus de overweeging van deese twee gewigtige poincten genoegsaam waaren om van eenige te gebruijkend constrain„ ter middelen aftesien om de Cooplieden het voorsz: te veel genotene weeder aan dE: Comp=e te doen betaalen, en van welke gestrengheijd men nog meer verwijderen of afwijken moeste, wanneer nog in consideratie wierd genoomen, dat het neemen van Coopmanschappen op leverantie van Lijwaaten op dat comptoir veel profitabelder voor de Comp=e was, dan daar toe contanten in driebeeldige pagooden te verstrecken, doende dierhalven zijn Edele tot beeter bevatting van het zelve het onder„ volgende vertoog tot voorbeeld d'E: Comp:e betaald aan de palicolse Coopl: tot voortsetting van den lij„ waathandel aan driebeeldige munt die in allooij doen Cavr: 2. 0. / ƒ 00. . —. En bij vermunting 2. percento verlies geeven Daar en teegen doende nagas:e pag: volgens den nieuwen voet maar aan Essaaij - - - - - „ 18. —. 5½„ Dus een Different van - - - - - Car: 2: 8: - 1/10. Transporteere - - - p o/o 1000. -. 14:½. Per Transport - - - - - p a/o. 10000. –. –. Dat circa 11 ¼. percento bereekend in het opgeld op de boovenstaande pagooden bedroeg - _ _ _ - - - - „ 1175. —. –. Maakende dus aan nieuwe Nagap=te pagoden die En wanneer nu voor de voorsz: 1000. pag: aan Coopman„ schappen wierden verstrekt die bij verkoop rendeeren soude nieuwe Nagapatnamse pagooden met 4. percento opgeld. . . . . . . . pra/o 10400. –. -. voegende daar bij de 4. percento die dE: Comp de palicolse handelaars ter schadeloos stelling te goed doed. . - - pao 400. –. –. Dog waar van weeder detraleere, p.r C:o rabat ten voordeele van dE: Comp: volg=s accoord met de Cooplieden - - - „ 4. —. —. over zulx de Coopl: toegevoegd of gecrediteerd - - - „ 396. –. –. Genietende die handelaars dan riel voor de genoomene Coopmansz: nieuwe Nagap=te munt - - - - - - „ 10796. –. –. Deselve dan van de boovenstaande som der Contante verstrecking gedetraheerd sijnde blikt, dat d'E: Comp=e bij de verstrecking van Coopmansz: bevoordeeld wierd. . - - - pa/o 379. –. — dE: Comp=e uijtgaf . _ _ _ _ _ _ _ _ - - - pro/o 11175. –. –. Reekend 3. ½. percento ruijm Den 12. febr: 1770. Tot 18 2 2 1 6 2 273 Den 12e. febr: 170. Tot nader aanthooning dat de verstrecking van Coopmansz: pro„ fijtelijker is, wierd door sijn Edele het volgende betoogd, en aangeweesen; als Het nadeel dat d'E: Comp=e door het Crediteeren der cooplieden reekening van voorm: nieuwe Nagapatnamse . . . pr/o 396. –. –. Die to pagooden met 8. percento opgeld hadde moeten werden gemaakt, om met 't debet der Cooplieden te Equa„ liseeren, wanneer de reecquening van die handelaars dan maar gecrediteerd moeste werden voor - - -„ 366: 14: 70: quam te Lijden, importeerd - - - - - - pr/o 29: 9: 10: En dewelke gedetraheerd van het geene dE: Comp: op de verstrecking van Coopmansz: ten voordeele quam. . . . „ 379: —. — Dan nog voor dE: Comp=e overbleef - - - r:ao/o 349: 14: 70. of 3. 7/8. percento ruijm kan Buijten en behalven de vermijding het nadeel dat de Cooplie„ den anders quamen te lijden omtrend het verwisselen van nieu„ we Nagapatnamse in Madrasse driebeeldige pagooden, die om de noord in de negotie den standpenning is, en ordinair gelijk voorsegd 4. â 5. percento hooger roulleeren dan de Comp. s driebeeldige pagooden ongereekend nog het geriet, dat dE: Comp=e bij ontstentenisse van Nagapatnamse driebeeldige pagooden spetie door 't accepteeren van Coopmansz:, nopens den Jnsaam soo wel, als den verthier wierde toegebragt dewijl anders wan„ neer 18
English
if the merchants were to insist on obtaining three-image pagodas, not only would the collection at that trading post not be so abundant, because one is unable to provide the required money in that currency, but it would also make a notable breach in the profits on the consumption at Jaggernaijkpoeram, since Palicol contributed not a little to those advantages. Regarding the objection that might be raised in this matter, as to why the merchandise was not sold for ready cash and Nagapatnam three-image pagodas exchanged for that money to be advanced to the merchants, not only to avoid the trouble one has in enabling the merchants, due to a lack of the necessary gold for the minting of three-image pagodas, to make the collection proceed without interruption, but also to remove the opinion that by the advancing of merchandise the same was forced upon the merchants contrary to orders; the Lord Governor demonstrated in refutation thereof that if the trade goods on northern Coromandel were sold for cash, the Honorable Company would then receive for 1000 pagodas New Nagapatnam pagodas with 4 percent agio, pagodas 10400, and the same being exchanged into Nagapatnam 12 February 1770 12 February 1770 three-image pagodas, which carry an agio of 14 percent and more, but which, to calculate all the more securely, could be set at 13 (whereas those of the English gave a difference of 20 to 22 percent), could not be bartered for more than Nagapatnam three-image currency . . pagodas 9203:12:76. Whereas, on the other hand, if the traders take merchandise, their account is debited with the amount of the trade goods . . pagodas 10000.–.–. From which, as has already been pointed out above, on account of the 4 percent credited to them, after deduction of 1 percent rebate deducted for the Honorable Company . . 396.–.–. There still remains for which their account is debited . . 9604.–.–. From which the above-mentioned bartered three-image pagodas being deducted, it appeared that the Honorable Company, in the delivery of merchandise on a sum of 1000 pagodas, comes to profit an amount of . . pagodas 400:11:4. From this also being subtracted the loss sustained in crediting the merchants' account for new instead of old pagodas in accordance with the demonstration made above . . 29:9:10. Thus there was still profited by the Honorable Company an amount of pagodas 371:1:74. And that furthermore the merchants were by no means forced to accept merchandise, 12 February 1770 merchandise, but that the same was provided upon their requests made thereto, which they in turn delivered to the merchants coming down from the inland in exchange for cotton and yarn; that spun crop subsequently being distributed among the spinners and weavers, who are mostly poor and destitute people and thus unable to purchase it, for which they in turn delivered linens to the merchants; and that from this it appeared that through that bartering the inland merchants as well as the weavers, the Honorable Company, and its merchants were each accommodated in their affairs, while the trade and livelihood of the working man, as well as the consumption and the collection for the Honorable Company, remained ongoing. His said Honour furthermore added the cheapness of the Palicol linens in contrast to those of Jaggernaijkpoeram, for that purpose submitting at the same time the following comparison thereof, namely: At Palicol The cost of 1 pack at Palicol, the cost of 1 pack at Jaggernaijkpoeram, More, Less, Percentage: Fine bleached Guineas, the pack of 40 pieces, long 50 and broad 1½, 1st sort holds pagodas 45:1:¼, pagodas 48:2:–, pagodas 3:¼, pagodas –, pagodas 7 [illegible] Bleached Guineas, middle sort, 9 caal, long 50, broad 1½, also the 40 pieces, 1st sort, pagodas 113:8:–, pagodas 117:17:40, pagodas 4:9:40, pagodas –, 3 7/8 percent Ditto bleached, the Company's old sort, the pack containing as above, 1st sort, pagodas 94:20:¼, pagodas 113:15:7/8, pagodas 18:10:7/8, pagodas –, 20 percent Ditto ordinary bleached, the pack as above, long 50 caal, 1st sort, pagodas 75:17:3/8, pagodas 85:7:7/8, pagodas 9:14:½, pagodas –, 12 7/16 percent Ditto ordinary brown, 1st sort, pagodas 73:–:7/8, pagodas 82:11:7/8, pagodas 9:11:–, pagodas –, 12 7/16 percent Fine bleached Salempores, the pack of 100 pieces, 1st sort, pagodas 133:3:–, pagodas 140:3:1/8, pagodas 7:–:1/8, pagodas –, 5¼ percent Salempores, the 9 caal or middle fine, the pack of 100 pieces, 1st sort, pagodas 122:9:½, pagodas 127:4:14, pagodas 4:18:7/8, pagodas –, 3 7/8 percent Ordinary bleached Salempores, the pack of 80 pieces, 1st sort, pagodas 66:20:1/8, pagodas 73:4:½, pagodas 6:8:7/8, pagodas –, 9½ percent Ditto ordinary brown, 1st sort, pagodas 64:22:–, pagodas 71:3:½, pagodas 6:8:½, pagodas –, 9 1/6 percent
Dutch transcription
neer de Cooplieden op haar stuk bleeven staan ter enlanging van drie beeldige pagooden, niet alleen den Jnsaam op dat Comptoir soo opulent niet zoude weesen, om dat men niet in staat is om het benodigend geld in die munt te besorgen maar ook een merkelijke bres in de winsten op den verthier te Iaggernaijkpoeram maken soude vermits Pali„ col niet weijnig in die voordeelen Contribueerde —. Ten opsigte van de objecte welke men in deesen soude kon„ nen doen, waarom de Coopmansz: niet voor Contante pen„ ningen verkogt en voor dat geld Nagapatnamse driebeel„ dige pagooden tot de verstrecking aan de Cooplieden inge„ wisseld wierden, niet alleen ter eviteering van de moeijte die men heeft om de cooplieden door gebrek aan het nodig goud tot de vermunting van driebeeldige pagooden, en staat te stellen om den Jnsaam sonder Jnterruptie rond te schieten maar ook ter wegneeming van de opinie, dat door de verstrecking van coopmansz: deselve teegens de ordre de Cooplieden wierden opgedrongen; vertoonende den heer gouverneur tot dies weederlegging, dat wanneer de handelwhaaren op noorder Cormandel voor Contant wierden verkogt, dE. Comp e dan voor 1000. pag: ontfangen sou„ de Nieuwe Nagapatnamse pagooden met 4. p:r Cento opgeld pag: 10400. en deselve verwisseld werdende in Nagapatnamse Den 12 febr: 170. drieb: 275 den 12:' febr: 1770. driebeeldige pagooden die 14. en meer p=r Centos opgeld doen, dog die men om soo veel te secuurder te bereekenen op 13. stellen konde /: daar die der Engelse een different van 20. tot 22. percento ga„ ven:/ niet meer voor getroucqueerd soude konnen werden dan Nagapatnamse driebeeldige munt. . . - - po/o 9203:12: 76. Dog waar en teegen de handelaars Coopmansz: neemen„ de haar reecq: gedebiteerd werden met het bedragen der handelwhaaren. . . - - - - pa/o 10000. –. –. Van dewelke gelijk hier voor en reeds aange„ weesen is weegens de haar ten goede gebragt werdende 4. p=r C=o naar detractie van 1. p:r C: o rabat voor dE: Comp=e gedetraheerd zynde - „ 396. –. –. Nog overblijven waar voor haar reecq: werd gedebiteerd - - „ 9604. —. — Waar van de bovenstaande getrocqueerde driebelldige pa„ gooden afgetrocken te blijken quam dat dE: Comp=e bij het aflangen van Coopmansz: op een somma van 1000. pagoden komt te profiteeren een montant van . . pr/o 400: 11: 4: Hier van almeede gesubstraheerd weesen de 't geleeden werdend nadeel in het crediteeren van der cooplie„ den reecq: voor nieuwe in steede van oude pag: conform de demonstratie hier vooren gedaeen. - - - - - „ 29: 9: 10 Dus bij d'E: Comp: nog geprofiteerd wierd een montant van r/o 71: 1: 74: En dat wijders de Cooplieden geensints tot het aanslaan van coop„ mantz: de ou Den 12e: febr: 170. „mansz: gedrongen, maar deselve verstrekt wierden, op derselver daar toe gedaan werdende Jnstantien die zij weeder aan de boovenlandse afkoomende Cooplieden in ruijling voor Cattoen en dito gaaren afgaa„ ven werdende dat gespin gewas vervolgens onder de spinners en weevers die meest arme, en onvermogende menschen, en dus niet instaat zijn het selve optedoen, gedistribueerd, waar voor zij wee„ der lijwaaten aan de Cooplieden leeverden, en dat daaruijt bleek dat door die troucqueering de boovenlandse Cooplieden soo wel, als de weevers dE: Comp: en derselver Cooplieden ider in den haaren geriert wierden mitsgaders de neering en handteering van den arbeijdsman soo wel, als den vertheer en den Jnsaam aan d'E: Comp=e aan de gang bleeven Voegende welmelde sijn Edele voorts nog bij de beeterkoopheijd der Palicolse lijwaaten in teegenstelling van die van Jagger„ naijkpoeram ten dien eijnde met eenen overleggende de onder„ volgende vergelijking daar van; als. Te Palicol T kost van 1. 's kost van 1. mak te pualicol pat te Jagg: meerder Minder percento Guinees fijn gebl t pak van 40. p:s lang 50 enbr:t 1½ 1: zoot holt - p Cs 45. 1: ¼ Cs 4. 2. - ps —. 3¼ p=s- - . p:s— / rm guinees gebl: midd: z:t „ „ 9. Caal „ 50. „ „ 1.½. meede de 40 p. s 1. z=t „ 113. 8. — „ 117. 17. 40„ —. —. —„ 4. 9. 40„ 3. 7/8: „ _:o gebl: sComp:s oude z=t 't pak inhoud als vooren 1: Z. t - - - - „ 94. 20. ¼ „ 113. 15. /8. „ —. –. —„ 18. 10. 7/8. „ 20. —. ps. _ o gem: gebl: 't pak als vooren lang 50. Ca: 1: Zoort - - - - „ 75. 17. 3/8 „ 85. 7. 7/8„ —. —. — „ 9. 14 ½ „ 12. 17/16. „ _. o gem: ruw 1. ' Zoort - - - - - - - - - - - „ 73. —. 7/8 „ 82. 11. 7/8„ —. —. —„ 9. 11. – „ 12. 7/16 r=m salem p=s fijn gebl: 't pak van 100. p=s 1:' Zoort - - - - „ 133. 3. — „ 140. 3. 1/8„ —. —. —„ 7. — 1/8„ 5.¼. „ salemp=t de 9: caal of middel fijn 't pak van 100. p=s 1: zoort - - - „ 122. 9. ½2„ 127. 4: 14„ —. —. — „ 4. 18. 7/8. 3. 7/8„ salemp=s gem: gebl: 't pak van 870. p s 1: Zoort - - - - - „ 66. 20. 1/8 „ 73. 4. ½„ —. —. —„ 6. 8. 7/8. 9. ½ s–s _o gem: ruw 1: Zoort - - - - - - - - - - - - „ 64. 22. —„ 713: ½2„ —: -:-„ 6. 8: h„ 9 1/6: =m
English
277 the 12th of February 1770 decides to bring all the same to the attention of Their High Excellencies, also pointing out that, although there was a difference in the specie, as at Jaggernaijkpoeram the white linens were paid in new Nagapatnam pagodas with an agio of 4 percent and at Palicol in three-figure coin and more, which gave a difference of 4 percent at the latter factory, nevertheless the cloths from there were much better and of higher quality in their kind than those from Jaggernaijkpoeram, so that the higher price paid could not be compared with the lower cost when the difference in quality of the cloths was taken into consideration; following which, His Honour remarked upon the profit that the Honourable Company enjoyed from the supply of merchandise instead of paying out cash, and that this, being taken into consideration alongside all that was cited above, made it fully evident that the complaints of the merchants regarding the loss they suffer on the merchandise were not unfounded, while the Honourable Company, on the other hand, lost nothing thereby, but even made a profit; on which subject, having deliberated with the requisite attention, it was unanimously resolved to present all the same respectfully to Their High Excellencies and to request Their High Excellencies' revered approval, the Council at the same time having no doubt that the said High Government, aiming at the facility of the collection and distribution resulting therefrom, will favorably relieve the merchants by having the accounts of those traders credited according to the example of previous years, waiving the loss which seemed to have been caused to the Honourable Company through the improper handling amounting to the aforementioned pagodas 697:16: 7/8, for the reason that the loss when supplying cash is considerably more noticeable, as well as the detriment that is otherwise to be expected regarding both the collection at Palicol and the distribution at Jaggerneijkpoeram, all the more because one was not in a position to supply the merchants with as many three-figure pagodas as are required for paying off the linens being delivered by them. Lastly, the soldiers Ian Thomas and Salomon Hoogland, on account of the expiration of their term, were increased in pay, the former from 12 florins to 14 florins and the other from 9 florins to 11 florins, each under a new contract of three years. Thus done and decreed in the Castle at Nagapatnam, the date aforesaid. Was signed as before. The 12th of February 1770. 279 Thursday the 22nd of February Anno 1770. In the morning at half past eight o'clock Political Council Meeting held All present Yesterday evening from Colombo, under the ministers' covering letter of the 23rd of January last via Jaffanapatnam, a packet of papers was delivered here, and the same now being opened in Council, therein was found the revered letter from Their High Excellencies the Honourable High Indies Government at Batavia, dated the 18th of November of the past year per the ship Duijnenburg sent to Ceylon for onward dispatch hither, accompanied by such appendices as are listed in the register received therewith; and it was furthermore resolved to request the said Ceylon ministers to send hither as soon as possible the two chests of gold which the said Their High Excellencies were pleased to dispatch with the aforesaid vessel for the service of this government; giving notice of the lack of money that exists here again, and that accordingly half of the pagodas that were to result from a chest of gold already being minted at Tutucorin, which the ministers promised to send hither, would also come in very handy, as well as everything that they were to receive from the sale of the elephants, but as the same would consist of Porto Novo pagodas, they therefore inquired whether that coin could be issued and employed in trade here; so, for the reason that such could not be done without a loss, and also because the same, on account of their low alloy, were declared bullion some years ago, it was approved and understood, in case the remittance could not be made in new Nagapatnam pagodas, to decline the acceptance of that offer made. Furthermore, an opportunity having arisen to purchase a quantity of 5093 lb of sulphur earth, which upon examination was found to be as good in quality as that from Bengal and costing no more than pagodas 12.-.- or 54 florins the bahar of 480 lb, agreeing sufficiently with the price charged from Batavia, it was approved and understood, in order to keep the powder mill here running, to purchase the aforementioned quantity. As it was also resolved, on account of its necessity, since nothing more was on hand to be supplied for the Company's service, to have purchased a quantity of
Dutch transcription
277 den 12. febr: 170: besluijt al't selve haar hoog Ed=s te Teffens in remarque doende komen, dat schoon een onderscheijd in de geld spetien was, als te Jaggernaijkpoeram de witte lijwaa„ ten in nieuwe Nagapatnamse pagooden met 4. p.:r Cento opgeld betaald werdende, en te palicol in driebeeldige „en meer munt, het geen een different van 4: p:r Cento op laastgemelde factorij gaf, nogthans de doeken van daar, veel beeter en deugdsaamer in haar soort waaren dan die van Jaggernaijkpoeram dus het meerder betaalde niet ver„ geleeken konde werden, met het minder kostende, wanneer het onderscheijd van die deugdsaamheijd der doeken in reflectie wierd genoomen, ten vervolge van het welke, welmelde zijn Edele remarqueerde het voordeel dat dE: Comp=e op de verstrecking van coopmanschappen genoot, in steede van contanten aftegeeven en dat het zelve nee„ vens al het aangehaalde hier vooren in overweeging genoo„ men werdende dan ten vollen bleek dat de klagten der Cooplieden weegens het verlies dat zij op de coopmansz: komen te lijden niet ongegrond waren en dE: comp=e daar en teegen daar bij niets verloor, maar selvs winst had; over welk onderwerp dan met de vereijschte attentie gede, delileratie daar over libereerd zijnde een dragtelijk beslooten is, alle het zelve haar hoog Edelens in eerbied te vertoonen, en hoogst der verthoonen selver gevenereerd goedvinden te versoeken, den Raad tet, in met welk versoek fens daar der 1/16. d=m 5¼. „ 3. 3/ „ 1 v 9. 1/15 v=m en om welke reedenen. „fens niet twijffelende, of hoogst gedagte hooge Regeering de faciliteijt van den Jnsaam en verthier daar uijt beoogende, sal de Cooplieden favorabelijk soulageeren met de reecque„ ningen dier handelaars naar het Excempel van voorige Jaaren te laaten crediteeren, met afsiening van het nadeel dat dE: Comp: door de abusive behandeling scheen toegebragt te zijn met de hier vooren vermelde pag: 697:16: 7/8. om reeden het verlies bij verstrecking van contanten vrij aanmerke„ lijker is, en het nadeel dat men anders soo omtrend den Insaam te palicol als verthier te Jaggerneijk poeram te wagten heeft, temeer men nient in staat was de Coop„ lieden met soo veel driebeeldige pagooden te voorsien als benodigt zijn ter afbetaaling van de door deselve geleeverd werdende Lijwaaten. verhooging in gagie van 2. zoldaten Laastelijk wierden de soldaaten Ian Thomas en Salomon Hoogland mits tijds Expiratie in gagie verhoogd den eersten van ƒ 12. tot ƒ 14. en den anderen van ƒ9. tot ƒ 11. ider met een nieuw verband van drie Iaaren. Aldus Gedaan en Gearresteerd In 't Casteel Tot Nagapatnam Dato voorsz: /:was getee„ kend:/ als vooren. —. Den 12e:. febr: 1770. Donderdag 7 279 Donderdag Den 22:' Februarij Anno 1778. — bactaviase papieren. aldaar ontfangene 2. goud kisten spoe„ dig dit heen te zenden. helft der pag: van de te tucorijn vermunt 's morgens te half Neegen uuren Politicque Vergadering Gehouden Alle present Gisteren avond van Colombo onder der ministers geleijde opening en Leesing van een pacquet letteren van den 23:' Januarij Jongstleeden over Iaffanapat„ nam alhier besteld een pacquet papieren, en het zelve als nu in Raade geopend zijnde zijnde, wierd daarinne bevonden de gevenereerde missive van haar hoog Edelens wat het selve behelst. de Edele Hooge Jndiase Regeering te Batavia in dato 18:' 9ber: des gepasseerden Jaars per het schip duijnen„ burg naar Ceijlon ter verdere voortschicking na herwaards na herwaards afgesonden verseld van zodanige bijlaa„ gen als bij het daarneevens ontfangene register bekendstaan en voorts beslooten gedagte Ceijlonse ministers te versoe, te doen versoek na ceijlen om de„ ken de twee goud kesten welke welmelde haar hoog Edelens ten dienste van dit gouvernement met voorsz: boodem heb„ ben gelieven aftesteeken, ten spoedigsten dit heen te senden; onder te kennen geering van het geld gebrek dat men hier weeder heeft, en dat dien volgens ook te passe soude koomen te doene te kenning geving dat de de helfte der pagoden, die uijt een reeds te Tutucorijn ver„werden hiet , wel te paskomen zoude„ munt werdende goud kist stond voortte koomen, en de minis„ ters de „ m n Seel den 22e. febr: 1770. Eliphanten benodigt wierd. roose priq: abtesz: en waarom. swarelaarde. zoomede het geen uijt deveroop den ters promitteeren dit heen te zullen senden, soomeede al het geen dat zij uijt den verkoop der Eliphanten stonden mag„ dog beslij de oregteteen otontig te werden dog vermits 't selve in Portonovose pago„ den zoude bestaan dierhalven vrage doen, of die munt alhier in den handel uijtgegeeven en g'emploijeerd soude werden, soo is om reeden zulk niet dan met verlies ge„ schieden konde, en ook deselve uijt hoorde van dies Laage allooij al voor eenige Jaaren billioen verklaard zijn, goed„ gevonden en verstaan ingevalle de overmaking in geen nieuwe Nagapatnamse pagooden geschieden konde, de acceptatie van die gedaane aanbieding afteschrijven. —: arret ter enkoop van en quantiteijt Wijders ocagie te vooren gekoomen zijnde ter opdoening van een quantiteijt van 5093. lb: swavelaarde dat bij Exa„ minatie bevonden is, soo deugdsaam als het Bengaalse te weesen en niet duurder te staan koomende, dan pag: 12. -. . of ƒ 54. de bhaar van 480. lb: genoegsaam over een koomende met de prijs van Batavia aangeree„ kend werdende, soo is tot gaande houding van de kruijt„ makerij alhier, goedgevonden en verstaan voormelde quan„ titeijt op te doen. —. iten van 20. sharen caijer Soo als ook mits dies benodigtheijd, wijl niets meer aanhanden was ter verstrecking in 'sComp=s dienst beslooten wierd te laaten in koopen een quantiteijt van
English
201 Resolution to charge the boatswain Pieter Theodorus on account for one month of board for the crew on the sloop De Papegaaij, and why. For 810 bhaars or 308400 lb of coir yarn at 9 pagodas or ƒ 40. 10. — the bhaar. — The supply of paddy here having been reduced to 25000 parras, both through disbursements and through shipments to the subordinate offices, of which a quantity of 10000 parras still had to be sent to satisfy the requisitions made by the offices of Palliacatta and Sadraspatnam, it was agreed and understood upon the proposal of the governor to purchase and store up again for an amount of 7000 pagodas, since it appears that grain will become scarce in the autumn. Upon the handover of the sloop De Papegaaij by its commander Pieter Theodorus to his replacement Fredrik Jurgens, one month of board money for the crew assigned thereto having been accounted for as missing by the former, which he testified was already lacking when the sloop was taken over by him from the second mate Dirk Boijsen, who has now departed for Batavia, without being able to get it reimbursed despite whatever efforts he made, wherefore he found himself obliged to take the same onto his account, requesting at the same time, the 22nd of February 1770, that since he was not in a position to satisfy it immediately in cash, the same might therefore be charged to his wage account; thus it was agreed and understood to condescend thereto and accordingly to let the amount thereof, being 308 fanams and 32 cash, be paid by warrant out of the petty cash to the seafarers of the said sloop. Resumption of the statement of debtors of 1768/9. Approval of that paper. Insertion of the same. Further, the statement of debtors was resumed as the same appeared in the trade books of this main establishment under the last of August 1768/9, along with an indication of the origin of those debts and the prospects that existed for settling them, as well as a comparison of the outstanding items that were running on the same upon the closing of those books and which still remain, with an indication of what was brought to finality during the course of the past book year, as well as of the origin of the aforementioned unliquidated items, all compiled and put to paper in dutiful compliance with the venerated mandates of Their High Nobles by general resolutions of the 19th of November 1762 and the 18th of July 1766; but finding nothing to remark thereupon, the action in that regard was approved and at the same time it was understood to insert that paper into these. General statement of all such items running at Nagapatnam upon the closing of the trade books under the date of the last of August 1769, the 22nd of February 1770. to 283. the 22nd of February 1770. 32427. 19. —. running at Nagapatnam, consisting of the debtors, prepaid and outstanding accounts, with an indication both of their origin, as well as what prospect remains for the satisfaction of the debtors, and what means remain for the settlement of the other accounts, all rendered in Netherlands currency; yet also with an indication of Indian currency as some of them ran in the previous books, all this being treated now in this single document, regarding the small number of outstanding and prepaid accounts, all with such observations as are stated in the general order of Their High Nobles by resolution of the 19th of November of the year 1762 and the 18th of July 1766; namely: The debtors of the Honorable Company found upon the closing of the trade books under the date of the last of August 1769, amounting to a sum of ƒ 762498:15.8 and consisting of the following. Indian currency. Netherlands currency. Christiaan van Teijlingen, former governor of this Coast, stands debited on account of various matters charged to him, especially on account of what he was ordered to pay in the past year for his share in the arrears of the Porto Novo merchants - - - - - - - - - ƒ 62303. 12. 8. There having been credited this year the amount of a palanquin with silver, to be seen in the Journal, page 243 - - - - - 915. 9. 8. So that there now still remains debited - - - - - - - - - ƒ 61388. 3. —. The hunter Gobal Poele has stood debited since the year 1764/5 for outstanding lease monies of the bazaar, without any probability of settlement - - - ƒ 1429. 6. —. - - - 1339. 19. 8. Wierappa Poele, lessee of the villages, still stands debited ƒ 975. —. —, but in the past year ƒ 1875, thus in this year he has paid off ƒ 900, and according to the testimony of the adigar he will fully settle this balance of his debt in the coming year. - - - 975. —. —. The natives Tieroemenij Chittij and Ramalinga Poele stand debited in this year on account of cash received in advance for the delivery of linens entrusted to them separately, which is to be settled in the following book year - - - - - - Carried forward . . . . - - - . ƒ 96131. 1. 8.
Dutch transcription
201 besluijt den bootsman pieter Theodorus een maand kost van't volk op de Chialoup „de papegaaij op recq: te stellen, en waarom van 810. bhaaren of 308400. lb: Caijerdraad â 9. pag: off ƒ 40. 10. — de bhaar. — Den voorraad van nelij alhier soo door verstrecking zomede vor 700 pagj anelij als versending naar de onderhoorige Comptoiren, tot op 25000. parras verminderd zijnde, waar van nog ter voldoening der van de Comptoiren Palliacatta en Sadraspatnam gedaane Eijsschen een quantiteijt van 10000 parras verson„ den moeste werden, soo wierd op de propositie van den heer gouverneur goedgevonden en verstaan weeder voor een montant van 7000. pag: intekoopen en opteleggen, de„ wijl het zig laat aansien dat het graan in't najaar schaars zal worden. Bij de overgave van de chialoup De Papegaaij door den gesaghebber derselve Pieter Theodorus aan desselvs vervanger Fredrik Iurgens door den eersten een maandkostgeld van de daar op bescheijdene man„ schappen te kort verandwoord zijnde, welke hij betuijgde reeds gemanqueerd hadde, to en de chialoup door hem overgenoomen was geworden van den thans na Bata„ via vertrockene onderstuurman Dirk Boijsen son„ der dat, wat moeijte ook aangeviend hadde heeft kon„ nen gerestitueerd krijgen oversulx zig verpligt vond, dezelve voor zijn reecq: teneemen met versoek teffens, den 22e. febr: 1770. dat de g ren van 176/9. approbatie van dat papier Jnsertie van't selve dat vermits niet in staat was ten eersten in Contant te vol„ doen, deselve dierhalven op desselvs zoldij reecq: gesteld mag werden, soo is goedgevonden en verstaan daar in te condes„ cendeeren en mits dien het montant derselve, sijnde 308. fan=s en 32. Casjes, per ordonnantie uijt de kleene Cassa aan de Zeevaarende van gedagte chialoup te laaten verstrecken resampte van den oftelderdebeten, Werdende voorts geresumeerd den opstel der debiteuren soodanig als deselve bij de negotie boeken deeser hoofdplaat„ se onder ultimo aug. s 176 8/9. bekend hebben gestaan, en wat dar bij aangweesen werd met aanwijsing van de oorspronkelijkheijd dier schulden, en de apparentien die er was, tot de verevening derselve soomeede een vergelijking van de ten agteren staande posten die bij het sluijten dierboeken bij deselve voortloopende wa„ ren, en welke nog resteeren met aan thoning van het geene geduurende den loop van het gepasseerde boekjaar tot Ettenheijd gebragt is, als meede van den oorspronk der voorschreeven ongeliquideerde posten alles in schuldige opvolging van haar hoog Edelens gevenereerde mandalen bij generale Resolutien van den 19. ' 9ber: 1762, en 18:' Julij 1766, tesaamen gesteld en ten papiere gebragt dog daar om trend niets te remarqueeren gevonden weesende wierd de verrigting daarom„ trend geapprobeerd en teffens verstaan dat papieren deesen te insereeren Generaale opstel van alle sodanige potten, bij't sluijten der negotie boeken onder ult=o aug.:s 1769 den 22. . febr: 1770. tot 283. den 22e. febr: 1770. „32427. 19. -. tot Nagapatnam voortloopende, bestaande in de debiteuren, tevoor en ten agteren staande reekenin„ gen met aanwijsinge soo der oorsprong derselve, als meede wat apparentie ter voldoening der debiteuren als meede wat mideel ter verevening der overige reekeningen, nog overig zij, alles gebragt in Neder„ lands geld; egter ook met aanwijsinge van Jndias geld, soo als sommige deselve bij de voorige boeken hebben voortgeloopen, werdende dit alles bij deesen Eene schriftuure thans verhandelt, omtkleijn aan„ tal der te agteren en te voorenstaande reekeningen, alles met sodanige opservantien als bij de ge„ neraale ordre van haar hoog Edelens bij resolutie van den 19. ' November a:o 1762. en 18: Julij 1766. vermeld staat; Namentlijk De debiteuren van d'E: Comp=e bevonden bij het sluijten der Negotie boeken onder dato ult=o aug=s 1769. bedraagende een somma van ƒ762498:15.8. en bestaande in de Indias Nederlands volgende. geld Christiaan van Teijlingen geweesen gouverneur deeser Custe staat debet weegens diverse zaaken hem ten Lasten ge„ bragt insonderheijd weegens het geene denselven in anno pass=o weegens desselvs aandeel in den agterstal der porto„ noorse Coopl: is ter betaling opgelegd . - - - - - - - - ƒ62303. 12. 8. sijnde in dit Jaar ten goede gebragt het bedragen van een palenquien met silver te sien in't Journaal pag: 243. - - - - - „ 915. 9. 8. Den Jagter gobal poele staat 't zeedert den Jaare 1764/5. aan ten agteren staande pagt penn: van de basaar, nog de bet sonder eenige waarscheijnlijkheijd van verevening - - - ƒ1429. 6. -. . - - - „ 1339. 19. 8. Wierappa poele, pagter der dorpen staat nog debelt ƒ975. —. —. dog in anno pass=o ƒ 1875. dus in dit Jaar heeft afgelegd ƒ 900. en sal dit Bestant sijner debet volgens getuijents van den adigaar in't aanstaande Jaar 't geheel vereevenen. - De Jnlanders Tieroemenij chittij en Ramalinga poe„ le staan in dit Jaar debet, weegens voor uijtgenootene Contanten voor de aan henlieden apart opgedragene Leverancie van Lijwaaten, het welke in het volgende boekjaar staat vereffent te werden - - - - - - Soo dat nu nog deset blijft - - - - - - - - - ƒ61388. 3. —. - - - „ 975. –. –. Transporteere. . . . - - - . ƒ96131. 1. 8. s -- -
English
The absconded resident of Coedeloer, Eduaerd Sutton, remains debited on account of the deficit found in the Company's effects upon his desertion. The interpreter Chinaij Naijker is also debited on account of advance cash received for the delivery of shirts and ray-skins, so this will also be cleared this year. The junior merchant Jan Appengh remains debited on account of the charges brought in the year 1765/6 for compensation of various items that rendered too little, but shall be paid in this year 1770: ƒ 256. 1. —. Carried forward: ƒ 96131. 1. 8. The Landlord remains debited, and upon satisfaction of the 6 elephants that still must be delivered, his debit will then increase by another ƒ 11250. —. —, consequently his debit will amount to ƒ 10750. —. —, of which ƒ 15000 is to be credited again in contingent and elephants in the coming year, so this account will successively balance itself, currently remaining running in the books at ƒ 7500. —. —. The junior merchant and former second of Bimilipatnam, Carel Lodewijk Hagemeister, brought to this account on account of various matters of Bimilipatnam, being burdened again this year with various expenses on account of the lawsuit etc. conducted at Madras, and currently amounts to ƒ 11607. 4. —. Funds conquered from the French at Pondicherij on account of the ship Schellag: ƒ 126851. 5. — / ƒ 107716. 13. —. Cash and goods conquered by the admiral of the French, the Count d'Arsche, for those at Pondicherij on account of the capture of the ship Haarlem: ƒ 574672. 16. — / ƒ 461498. 11. —. Tiermenij Chittij on account of the paddy sold to him, payment of which will be made on Ceylon by bill of exchange: ƒ 61220. 13. 8. The detainee Joannes Haselkamp, regarding that which, by order of Their High Excellencies, was charged again on account of the excess credited for salary credited in excess, which shall be repaid into the treasury by the curators: ƒ 540. —. —. The suppliers Condapillij Wengedalselan Chittiaar and Wengatarama Kistna Chittij, on account of advance cash provided for the delivery of the linens separately assigned to them: ƒ 7500. —. —. Brought forward: ƒ 15643. 6. — / ƒ 777498. 15. 8. ƒ 991. —. 8 / ƒ 929. 1. —. ƒ 14456. 4. 8. The 22nd of February 1770. Linens. Carried forward: ƒ 777498. 15. 8. Debtors running within the line amount to the same as they were in the past year, and consist of the following persons: Indian / Netherlands The leaseholder Oetandiappa Moddeliaar: ƒ 743. 3. — / ƒ 697. 1. —. The leaseholder Moeniappa Palle: ƒ 23468. 16. — / ƒ 22002. 17. —. The leaseholder Welia Poele: ƒ 1599. 10. — / ƒ 1499. 10. —. The leaseholder Kittna Poele: ƒ 557. 12. — / ƒ 522. 15. —. The leaseholder Wierappa Poele: ƒ 660. —. — / ƒ 619. —. —. The leaseholder Gobal Poele: ƒ 6012. 2. — / ƒ 5636. 7. —. The leaseholder Wengadassalam Chittiaar: ƒ 5020. 13. 8 / ƒ 4706. 17. 8. The leaseholder Per Salis: ƒ 288. —. — / ƒ 270. —. —. The leaseholder Mahamadoe Sultan Marcair: ƒ 12480. —. — / ƒ 11708. 11. —. The debtors running within the line amount to: ƒ 50829. 16. 8 / ƒ 47662. 18. 8. And the collective debtors at the closing of these books amount to: ƒ 777498. 15. 8. Accounts in arrears consisting solely of: Charged compensation and debit of 1765/6, being in the same state as was already reported in the past year, and has its origin in that enjoyed by Mr. van der Voort on account of a certain premium, on account of the improved servant and against the regulations: Indian ƒ 1426. 18. — / Netherlands ƒ 1337. 14. 8. To which is now also added: The sloop Den Hottentot, which according to order of Their High Excellencies was written off, yet must continue running within the line, amounts to: Indian ƒ 6166. 14. / rixdollars ƒ 5781. 9. —. Following now the preceding accounts: This account was in the past year in credit / This account is now in credit / Is in this year less in credit / Is in this year more in credit The junior merchant and former chief of Jaggernaijkpoeram, Fredrik Jan Loovenaar: ƒ 10747. 10. — / ƒ —. —. — / ƒ 10747. 10. — / ƒ —. —. —. The merchant Ramalinga Poele: ƒ 3617. 18. — / ƒ —. —. — / ƒ 3617. 18. — / ƒ —. —. —. The titular merchant Willem Blaaukamer: ƒ 8991. 15. 8 / ƒ —. —. — / ƒ 8991. 15. 8 / ƒ —. —. —. Funds conquered by the French at Pondicherij: ƒ 118418. —. — / ƒ 118418. —. — / ƒ —. —. — / ƒ —. —. —. Related goods of the French by the admiral of the English, Mr. Pocock: ƒ 1378. 2. — / ƒ 3448. 2. — / ƒ —. —. — / ƒ 2070. —. —. Revenues of Nagapatnam: ƒ 20658. 10. 8 / ƒ 975. —. — / ƒ 19683. 10. 8 / ƒ —. —. —. Moorish brown blue: ƒ —. —. — / ƒ 500. —. — / ƒ —. —. — / ƒ 500. —. —. Diverse linens of the Sadras merchants: ƒ —. —. — / ƒ 14935. 9. 8 / ƒ —. —. — / ƒ 14935. 9. 8. Total: ƒ 163811. 16. — / ƒ 138276. 11. 8 / ƒ 43040. 14. — / ƒ 17505. 9. 8. ƒ 17505. 9. 8. The lesser deducted from the greater: ƒ 138276. 11. 8. Thus it appears that the accounts in credit amount to less: ƒ 25534. 4. 8 / ƒ 25534. 4. 8. 285 The 22nd of February 1770. 1. 8. — 3. 15. 8.
Dutch transcription
Den g'aufugeerden resident van Coedeloer Eduaerd sutton staat nog debet weegens het te min bevondene aan 'sComp=s effecten bij sijne dersertie, Den tholk Chinaij Naijker staat meede debet weegens vooruijtgenoo„ tene Contanten op Leverancie van hembden en roggevellen dus deese meede in dit Jaar zal vereerend werden - Den ondercoopman Jan Appengh blijf nog debet weegens het ten Lasten ge„ bragte in a:o 17656. weeg=s vergoeding van verscheijdene te min gerendeerde . . dog sal in dit Jaar 1770: werden betaald - - - - - - - - - - - - - - „ 256. 1. —. „ Per Transport - - - - - ƒ96131. 1. 8. — Den Land heer staat nog debet. en sal bij voldoeninge van de 6. Eliphanten die nog moet afgegeeven werden zijn debet dan vermeerderen met nog - - - „ 11250. —. — gevolgelijk zal zijn debet groot weesen - - - - ƒ10750. –. – En waar van weeder aan Contingent en Eliphanten in 't aanstaande Jaar staat gecrediteerd te werden ƒ 15000. dus deese reecq: successive sig sel„ ven zal vereevenen, blijvende thans volg=s de boeken voortloopen met - - - - - „ 7500. –. –. Den ondercoopman en geweesene secunde van bimilip=m Carel Lodewijk Hagemeister, weegens diverse saaken van bimilip=m op deese reekening gebragt zijnde in dit Jaar weeder beswaart met verscheijdene ongelden weegen proces &=a tot Madras gedaan, en bedraagt 'thans - - - - - - - - - „ 11607. 4. -. geconquesteerde penningen van de francen te pondicherij weegens het schip schellag - - - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ126851. 5. — „ 107716. 13. —. geconquesteerde Contanten en goederen door den admiraal der francen den gra„ ve d'arsche voor die te pondicherij weeg=s 't neemen van't schip haarlem. . „ 574672.16. — „ 461498. 11. -. Tiermenij chittij weegens de aan hem verkogte nelij waar van de betaaling op Ceijlon volgens wissel sal geschieden - - - - - - - - - - - - - - - „ 61220. 13. 8. Den gedetineerden Joannes Haselkamp over het geene waar van vol„ gens ordre van haar hoog Edelens, weegens het te veel gecrediteerde over te goed gemaakte gagie weeder is belast geworden 't welke door de Curatooren weeder in cassa zal betaald werden. - - - - - - - - - - „ 540. –. –. De Leveranciers condapillij wengedalselan chittiaar en Wenga„ tarama kistna chittij weegens vooruijt verstreckte contanten op Leverantie van de aan hen lieden appart opgedraagene Lijwaaten - - - - - ƒ 7500. -. -. Transporteere. . . . . „ 15643. 6. -. ƒ777498. 15. 8. . - - - ƒ 991. -. 8 „ 929. 1. -. - - - „ 14456. 4. 8. Den 22e: febr: 1770. Lijwaaten. - - - - - - - - - - - - . . - - - - -ƒ777498. 15. 8. Per Transport Binnenslijns Loopende debiteuren monteeren eeven soo veel als in anno pass=o deselve zijn geweest, en bestaan in de vol„ Indias Nederlands gende persoonen. Den pagter oetandiappa Moddeliaar - - - - - - - - - - ƒ 743. 3. — ƒ 697. 1. -. „ „ Moeniappa palle. . - - - - - - - - - - „23468. 16. - „ 22002. 17. -. „ „ welia poele. . . . . . . . . . . . . „ 1599. 10. -„ 1499. 10. -. „ „ kittna poele - - - - - - - - - - „ 557. 12. -„ 522. 15. —. - - - „ 660. -. -„ 619. -. -. „ wierappa poele. - - - - - - - - „ gobal poele. . . . . . . . . . . . . - „ 6012. 2. -„ 5636. 7. -. „ „ wengadassalam Chittiaar. . . . . . . - - „ 5020. 13. 8„ 4706. 17. 8. - - - - - - - - „ 288. –. –„ 270. –. -. „ „ per salis- . „ Mahamadoe sultan Marcair. . . . . . . . . . . „ 12480. –. – „ 11708. 11. -. de binnenslijns loopende debiteuren bedraagen - - - - ƒ50829. 16. 8 ƒ 47662. 18. 8. En de gesamentlijke debiteuren bij het sluijten deeser boeken bedraagen - - - - - ƒ777498. 15. 8 Ten Agteren staande Reekeningen bestaande Eeniglijk in Aangereekende vergoeding en belasting van 1765/6. sijnde in denselven staat gelijk als in a=o pass=o bereeds is opgegeeven, en heeft zijn oorsprong uijt het genootene door de heer van der voort weegens zeekere premie, wee„ Jndias Nederlands gens de verbeeterde dienaar en teegens het reglement - - - - - - ƒ 1426. 18. – ƒ 1337. 14. 8. Waar bij nu nog voege De Chialoup den hotten tot welke volgens ordre van haar hoog Ed=s afgeschree„ ven dog binnenslijns moet blijven voortloopen bedraagd Jndians ƒ 6166. 14. rd„sƒ 57: 81: 9: — Volgende nu de voorenstaande Reekeningen deese reecq: staat deese reecq: staat staat in dit Jaar staat in dit Jaar - in a. o p. o te vooren nu te vooren minder te vooren minder te vooren Den ondercoopman en geweesene opperhoofd van Jagger„ naijkpoeram fredrik Jan Loovenaar - - - - - ƒ10747. 10. — ƒ — . – . – ƒ10747. 10. —ƒ Den Coopman Ramalinga poele. . . . - . . „ 3617. 18. —„ —. –. –„ 3617. 18. -„ -. Den Titulaire Coopman Willem Blaaukamer - - - „8991. 15. 8„ —. –. –„ 8991. 15. 8„ -. -. -„ geconquesteerde penn: door de francen te pondicherij - - „118418. -. –„118418. -. –„— gerelateerde goederen der francen door de admiraal der Engelsen M=r pock. - _ _ _ - - - - - „ 1378. 2. —„ 3448. 2. – „ —. –. –„ 2070. –. –. Jnkomsten van Nagapatnam - - - - - - - „20658. 10. 8„ 975. -. -„19683. 10: 8„ —. –. -. - - - - - „ 500. –. –. Moeris bruijn blaauw - - - - - - - - - „ —. –. - „ 500. –. –„ Diverse lijwaaten der Sadrass=te Cooplieden - - - „ —. -. - „ 14935. 9. 8„ —. –. – „ 14935. 9. 8. Teld - - - ƒ16381. 16. — ƒ13876. 11. 8 ƒ 43040. 14. — ƒ17505. 9. 8. -. —. —. -. . . . „ 17505. 9. 8„ het minder van 't meerder afgetrocken - - - - - - - „ 138276. 11. 8„ zoo blijkt dat de te vooren staande reecq: minder bedraagen . . ƒ 25534. 4. 87. - - - ƒ25534. 4. 8. — . -. .-. 285 den 22e. febr: 170. 1. 8. — „ „ „ -. .—. 3. 15. 8. -. -. -. . -.
English
The 22nd of February 1770. the defects of 2 paddy warehouses of the purveyor. Having thus shown the accounts as they stand before, I shall now briefly demonstrate their origin, as well as whereby they have been decreased or increased, beginning with the Increased Credit Released goods of the French by the admiral of the English, Mr. Pocock, ƒ 2070: increased on account of the sale of the sloop the Robijn, which was brought to the credit of this place, according to the resolution in the Council of Coromandel dated the 17th of July of this year, see Journal page 205. Brown blue moris ƒ 500. and Sundry linens of the Sadraspatnam merchants ƒ 14935. 5. 8. of which the first item from here will be credited to Batavia, as having been overcharged, and the latter, being linens which were sent to Batavia on account of the merchants of Sadraspatnam, so shall the proceeds thereof, after the sale has taken place there, be brought to the credit of Sadraspatnam. Decreased Accounts The junior merchant and former chief of Jaggernaikpatnam, Fredrik Jan Loovenaar, ƒ 10747. 10. –. less credit, because, pursuant to the esteemed orders of Their High Excellencies, this amount was paid out to his authorized agents here, see Cash Book August. The merchant Ramalinga Polle ƒ 3617. 18. –. less because he, currently making a separate delivery of linens in partnership with Tiermewij Chittij, and it having also been assigned to both of them, this account has been transferred. The titular merchant Willem Blaaukamer ƒ 8991. 15. 8. less because ƒ 8316. 11. 8. was paid off at Sadraspatnam, and for the remaining amount pay accounts were handed over, see Journal pages 116 and 288. Revenues of Nagapatnam ƒ 19683. 10. 8. less, because according to what was resolved in the Council of Coromandel, various farmers of the villages were written off as unable to pay, as well as the payments made by some, whereby this account, since it formerly stood on debit, has consequently also decreased, see pages 256 and 257 of the Journal. Nagapatnam, the 12th of February 1770, for ultimo August of the year 1769. Signed: P. J. L. De Zilliettaz, trade bookkeeper. There also being brought to the table a report on the defects found in the paddy warehouses of the purveyor, which were found to be in such poor condition that the repair of the one would come to cost 564 pagodas 2 fanams 48 cash or ƒ 542. 1. 8. and the other 202 pagodas 12 fanams or ƒ 91. 5., as appears in more detail from the aforesaid report, reading as follows: To the Right Honorable Sir, Pieter Haksteen, Extraordinary Councilor of the Dutch Indies, and Governor and Director of this Coast of Coromandel and the Dependencies thereof, etc. etc. etc. Right Honorable Sir! Pursuant to your Right Honorable esteemed order, I, the undersigned overseer of works, together with the master carpenter, smith, and mason, proceeded to 2 of the Company's warehouses in the Castle under the purveyor, which we found as we have the honor to show below. 1 warehouse with a wooden floor, of which the lower pillars have all fallen over, the beams and planks mostly decayed, for which reason they need to be renewed in order to be fit for storing paddy, for which, according to rough calculation, will be needed: 86 pieces of Ambon beams at ƒ 5. 1. – each: ƒ 434. 6. –. 720 Chinese planks at ƒ –. 5. 10 each: ƒ 202. 10. –. 500 lb nails at ƒ –. 2. 5 per lb: ƒ 57. 16. –. 500 lb iron at ƒ –. 2. 1 per lb: ƒ 51. 11. –. 50 cotties charcoal at ƒ –. 15. – per cottie: ƒ 37. 10. –. 200000 pieces masonry bricks at ƒ 2. 5. – per 1000 pieces: ƒ 450. –. –. 27000 roof tiles at ƒ 2. 16. 4 per 1000 pieces: ƒ 75. 18. 8. 3000 paras masonry lime at ƒ –. 2. 13 per para: ƒ 421. 17. 8. 90000 pieces jaggery balls at ƒ 2. 16. 4 per 1000: ƒ 253. 2. 8. 3000 boy-loads of sand at ƒ –. 3. 12 per 9 boys: ƒ 62. 18. –. For labor wages: ƒ 495. –. –. Total: ƒ 2542. 1. 8. or 564 pagodas 2 fanams 48 cash. To be carried forward.
Dutch transcription
den 22'. Febr: 1770. ne gebreken van 2. nelij pakhuijsen van den dispencier. Dus aangeweesen hebbende de reekeningen soo als deselve te vooren staan, zoo zal nu korter„ lijk aantoonen dies oorsprong als meede waar door vermindert of vermeerderd zijn begin„ nende met de Vermeerderd Credit Gerelaxeerde goederen der francen door den admiraal der Engelsen M=r potok ƒ 2070: vermeerdert weeg=s den verkoop van de Chialoup de robijn welke ten goede deeser gebragt is, volgens het gere„ solveerde in raade van Cormandel de dato 17:' Julij deeses Jaars vide Journaal pag=a 205. —. Moeris bruijn blaauw ƒ 500. en Diverse Lywaaten der sadraspatnamse Cooplieden ƒ14935. 5. 8. welke eerste post van hier bata„ via zal ten goede gebragt werden, als zijnde teveel aangereekent en de Laaste, als zijnde Lij„ waaten welke voor reecq: der Cooplieden van sadras p=r na batavia zijn versonden, zoo zal zulx na gedaane verkoop aldaar, het provenu sadras p=m ten goede gebragt werden Verminderde Reekeningen Den ondercoopman en geweesen opperhoofd van Jaggernaijk p=m, Fredrik Jan Loovenaar ƒ10747. 10. –. minder Credit, wijl volgens g'eerd beveelen van haar hoog Edelheedens dit be„ draagen aan desselvs gemagtigdens alhier is afbetaald geworden, vile catsaboek augustus Den Coopman Ramalinga polle ƒ3617. 18. –. minder door dien hij thans in Comp:e met Tier„ mewij Chittij apparte Leverantie van Lijwaaten doende, en aan hun beijde ook is op gedraa„ gen, soo is deese reekeningen overgeschreeven Den Titulair Coopman willem Blaaukamer ƒ 8991: 15. 8. minder door dien tot sadraspat„ nam is afbetaald ƒ 8316. 11. 8. en voor 't overige montant zoldij reekeningen sijn afgelangt, vide Journaal pag: 116. en 288. Inkomsten van Nagapatnam ƒ19683. 10. 8. minder, door dien volgens het geresolveerde in Raade van Cormandel verscheijdene pagters der dorpen als onvermogend te betaalen sijn afgeschreeven, als meede het afgelegde door eenige waar door deese reekening, dewijl die voor dien etebet te vooren stond gevolgelijk ook vermindert is, viee pag: 256. 257. van 't Journaal Nagapatnam Den 12.:' Februarij 1770. voor ult:o Augustus Ao 1769. — /:was geteekend:/ P: J: L: De Zilliettaz: neg: boekhouder. diening van t raffort ande beone Nog ter tafel gebragt zijnde een Rapport van de bevondene gebreeken aan de nelij pakhuijsen van den dispencier dewelke soodanig slegt geconstitueerd bevonden waaren dat er verhelping der 287 den 22. febr: 1770. aan arbeijdsloon - - - - der eene pra/o 564.2. 48. ƒ 542:1: 8. en de andere pag: 202. 12. ƒ 91: 5: scri„ de koomen te kosten, nader Consteerende bij het voorsz: Rrapport insetie van'tresfeort dan van aldus Luijdende. — Aan den Wel Edelen Gestrengen Heer Pieter Haksteen, Raad Extraordinair van Nederlands Jn„ dia, mitsgaders gouverneur en directeur deeser custe Cormandel, en den Resorte van dien &a. & a. &a. Wel Edele Gestrengen Heer! Ingevolge uwel Ed: gestr: hoog g'Eerde ordre heb ik ondergeteekende op„ siender derwerken, neevens de baasen timmerman Smit en met„ selaar mij vervoegt na 2. 'sComp=s pakhuijsen in 't Casteel onder den dispencier staande dewelke wij bevonden hebben, als d' Eere hebben hier onder te vertoonen. 1. pakhuijs met een houten vloer, welkers onderste pilaaren alle om vergevallen zijn de balken en planken meest vergaan, waarom deselve vernieuwt dienen te werden om tot berging van nelij bequaam teweesen waar toe na ruwe Calculatie benoetigt zal zijn 86. p. s balken Ambon - - - - - â 't p. s - - ƒ 5. 1. — ƒ 434. 6. -. 720. „ Chineese planken - - - - - - „ „ „. . „ —. 5. 10„ 202. 10. -. 500. lb: spijkers. - - - - - - - - „ „ lb - - „ —. 2. 5 „ 57. 16. -. 500. „ ijser. - -. . . . - - - - „ „ „. . „ —. 2. 1„ 51. 11. -. 50. Cottijs houts koolen - - - - - „ „ Cott: - - - „ —. 15. - „ 37. 10. -. 200000. p=s met selsteenen. . . . . . „ 1040 p. s . - „ 2. 5. — „ 450. –. –. 27000. „ dakpannen - - - - - - „ „ „. . - - „ 2. 16. 4 „ 75. 18. 8. 3000. pan=s metselkalk - - - - - - „ d' pan: - - - „ —. 2. 13„ 421. 17. 8. 90000. stux Jager bollen. - - . . „ 6 1000. —. „ 2:16:4. 253. 2. 8. - - - „ 9. booijs - „ —. 3. 12. 62. 18. —. - - - - - „ 495. -. -. 3000. booijs Dragten Zant - Somma - - - - - - ƒ 2542. 1. . 56 6. 4. 4 4 Die Transporteere. „ daa at
English
The 22nd of February 1770. to have repaired. to [illegible]. The other warehouse with a freestone floor has been so undermined by rats that the stones have fallen beneath the sand and thus the floor must be relaid, for which will be required: 50000 pieces of masonry bricks at ƒ 2. 5. - per 1000: ƒ 112. 10. -. 2700 parras of masonry lime at ƒ -. 2. 13 per parra: ƒ 379. 14. -. 81000 pieces of Jaggery balls at ƒ 2. 16. 4 per 1000: ƒ 227. 16. -. 2700 boy-loads of sand at ƒ -. 3. 12 per 9 boys: ƒ 56. 6. -. wages for labor: ƒ 185. -. -: ƒ 911. 5. -: 202. 12. -. Total: ƒ 3453. 6. 8. prs 767. 9. 48. Carried forward: ƒ 2542. 8. [illegible]. Wherewith I hope to have complied with your Right Honorable’s highly esteemed order, having the honor to call myself, underneath stood, Right Honorable Sir, your Right Honorable’s very humble and obedient servant, was signed, J. s Mossel. In the margin: Nagapatnam, the 19th of February 1770. Lower: in Malabar characters the marginal notes of the aforementioned master craftsmen. Having considered the estimate of the same and acknowledging its necessity, it was, after reconsideration thereof, because the dispenser has no room to store and preserve from spoilage the paddy that is to be delivered to the named dispenser both from the Company's villages by the renters and from the aforementioned purchases to be made in part, approved to have the first warehouse repaired as soon as possible, but to postpone the improvement of the other for the present until the Lord Governor himself shall first have taken ocular inspection thereof in order to discover whether it might not be repaired at less expense, or whether another less harmful arrangement for the storage of the grains could be made. The 22nd of February 1770. To send paddy to Sadraspatnam. Regarding the inspection of the trade books. Resolution to send the sloop the Papegaaij. Increase in pay of young soldier. It was also resolved to send the sloop the Papegaaij with a cargo of paddy to Sadraspatnam and from there to requisition 75 lb. of red sealing wax for the service of the Ceylon government. Finally, the young soldier Simon de Champ, of Brussels, who arrived as such last year with the Bengal bark the Vrouwe Cornelia Hillegonda and remained here in the hospital on account of illness, was granted an increase in pay from ƒ 7 to ƒ 9 on his current contract. Thus done and decreed in the Castle at Nagapatnam, date as above; was signed as before. Friday the 2nd of March anno 1770. In the morning at half past seven o'clock. Political Council Meeting Held. All present. Reconsideration and insertion of the report. Upon the convocation of the Honorable Lord Governor, the members having assembled together for the transaction of various matters, after the invocation of the Lord's holy name, reconsideration was initially given to the incoming report of the members of this council, Cornelis Pietersz: and Jacob van Tessel, who, in conformity with the highly venerated order of their High Nobilities, the Honorable High Indies Government at Batavia, regarding the keeping and inspecting of the trade books, contained in the regulation of the 30th of October 1753, have exactly examined the trade books of this main settlement for the year 1768/9 and found them to be as expressed in that document, reading as follows: Right Honorable Sir, Pieter Haksteen, Extraordinary Councilor of Netherlands India, Governor and Director of this Coast of Coromandel, with the dependencies thereof. Right Honorable Sir! Having, in compliance with the orders of the Honorable Henricus Leembruggen, Senior Merchant and Chief Administrator here, and according to the venerated command of their High Nobilities, the Honorable High Indies Government at Batavia, by regulation of the 30th of July and amplification of the 19th of October 1753 concerning the keeping and inspecting of the trade books, exactly examined the trade books of this main settlement of Nagapatnam of the year 1768/9, and having confronted against them the balances of the closed book-year 1767/8, as well as all other papers having any relation thereto, we have the honor to inform your Right Honorable: That the balances have been entered in Dutch currency, and at present nothing other than Dutch currency is continued in the books, however with a second line indicating with how much Indian [illegible]. The 2nd of March 1770.
Dutch transcription
Den 22e febr: 1770. laten verhelpen. tot hoellngz. 'T ander pakhuijs met een arduijne steene vloer is door rotten zoo ondergraaven dat de steene daar door onder 't zand zijn geraakt en dus de vlaerdiend verlegt te werden waar toe benodigt zal zijn 50000. p. s metselsteenen. - . . â 't 1000. ƒ 2. 5. - ƒ 112. 10. -. 2700 parr=s metselkalk - - - „ d' parra „ —. 2. 13„ 379. 14. -. 81000. stuks Jagerbollen - - - „ 't 1000 - - „ 2. 16. 4„ 227. 16. -. 2700. booijs dragtensand - - - - „ d' 9 booijs - „ —. 3. 12„ 56. 6. —. arbeijdsloon - - - - - - - - - - - - - „ 185. –. – „ 911. 5. – „ 202. 12. -. ƒ3453. 6.8. prs 767. 9. 48. Somma. Waarmeede verhoope aan uwel Ed: gestr: hoog g'Eerde ordre voldaan te hebben des d' Eere mij te noemen /:onderstond:/ wel Edele gestrenge heer uwel Ed: gestr: seer onderdanige en gehoorsaame dienaar /:was„ geteekend:/ J. s Mossel /:in margine:/ Nagap=:m den 19. ' febr: 1770. /:laager:/ in mallabaarse Carracter de randteekeningen van voorm: baasen. 2. Per Transport - - - - - - - ƒ 2542. . 8. 1/ 64. 1. 4 8. besteigten derselv en ertende soo is na resumptie derselve uijthoofde van dies noodsaakelijkheijd dewijl den despencier geen plaats heeft om de nelij die soo uijt kompag„ niet dorpen door de pagters als van de voorsz: te doene inkoops voor een gedeelte aangenoemde dispencier geleverd staan te werden, te bergen, en voor bederf te preseveeren, goedgevonden, voor eerst dog'tandere als nog uijtestellen n het eerste pakhuijs ten eersten te laaten repareeren, dog de ver„ betering van het andere uijttestellen tot dat den heer gouver„ neur selve, eerst er de oculaire inspectie van genoomen sal heb„ ben ten eijnde te ondervinden, of niet met mindere kosten tere„ pareeren, dan wel een andere minschadelijke schicking ter op„ legging der graanen te maaken zoude weesen. —. Ook 191 289 Den 22'. febr: 1770. nelij na sa dras p=m te senden. weeg=s de visitatie der neg: boeken. Ook wierd geresolveerd de chialoup de Papegaaij met een Laa, belluijt de Chialoup epe ra et ding nelij na Sadaspatnam te senden en van daar ten dienste van het Ceijlons gouvernement 75. lb: rood Zegul Lak te Eijsschen Eijndelijk wierd den Jong Zoldaat Simon de Champ van verhoging in gagie van Jag Zold.t Brussel anno pass=o als zoodanig met de Bengaalse bhaar de vrouwe Cornelia Hillegonda uijt gekoomen en mits ziekte alhier in het hospitaal verbleeven, in gagie verhoogd van ƒ 7. tot ƒ. 9. op desselvs Loopend verband. —. Aldus gedaan en Gearresteerd In't Casteel tot Naga„ patnam dato voorsz: /:was geteekend:/ als vooren. —. Vrijdag den 2:' Maart Anno 1770. 's morgens ten half agt uuren Politicque Vergadering Gehouden Alle present Op de Convocatie van den Edelen heer gouverneur de leeden resumptie en insertie van't rasfort ter verhandeling van verscheijdene zaaken bij den anderen ge„ koomen zijnde, wierd na het aanroepen van des heeren heijligen name aanvankelijk geresumeerd het ingekoomen Rapport van de leeden deeses raads Cornelis Pietersz: en Iacob van Tessel dewelke in Conformite van de hoog gevenereerde ordre van haar hoog 191 40 er a„ 1770. r hoog Edelens de Edele hooge Jndiase Regeering te batavia ten opsigte van het houden en visiteeren der negotie boeken vervat bij Reglement van den 30. ' october 1753. de negotie boeken deeser hoofdplaatse de Ao 1763/9. exact g'examineerd en sodanig bevonden hebben als bij dat schriftuur g'ext pres„ seert staat; aldus Luijdende. —. Wel Edelen Gestrengen Heer Pieter Haksteen, Raad Extraordinair van Neeserlands Jndia, gouverneur en directeur deeser custe Cormandel, met den resorte van Wel Edelen Gestrengen Heer! De Negotie boeken deeser hoofdplaatse Nagapatnam van den Jaare 17674. in nakominge der ordres van den E: E: heer Henricus Leembruggen, oppercoopman en hoofdadministrateur alhier, en navolgens het geve„ nereerd bevel van haar hoog Edelheedens, de Edele hooge Jndiase Regeering tot batavia, bij reglement van den 30. ' Julij en ampliatie van den 19. ' october 1753. omtrend het houden, en visenteeren der negotie boeken Exlact g'examineerd, en daar en teegen de restan„ ten van het afgelegde boekjaar 17657/8. geconfronteerd hebbende, alsmeede alle verdere papieren welke eenige betrecking daar toe hebben, en hebben de Eere uwel Ed: gestr: te bedeelen. Dat de Restanten in nederlands gelt zijn ingenoomen, en thans niets anders dan nederlands gelt bij de boeken is voortloo„ pende, egter met eene tweede lenie aanwijsende met hoe veel den 2:' Maart 1770. Jndias. dien. —
English
291 The 2nd of March 1770. Indian money was closed in the past year, which we have found to be in agreement, as well as all entries of expenses and losses, these write-offs agreeing with the warrants issued on that account, as well as the resolutions taken in the Council of Cormandel. The charges and expenses, and validated shortages, and losses, as well as defective goods, written off to their own accounts and accounted for, all of which should remain at the expense of the Honourable Company. The entries and write-offs are done in proper form and with the required details. The profits and gains, all credited to the benefit of the Honourable Company. The remaining goods can all be regarded as real assets, since in this government the goods subject to use and wear run in the journal without money value. Among the goods which are termed unappraised, or remaining goods running without money value, there is also a sloop named the Cornelia, which does not exist in reality, but sank and was wrecked at the Mazulipabnam roads. Regarding the outstanding debts, they consist of the following: Christiaan van Teijlingen, former Governor of this Coast, for various matters charged to him: ƒ 61388. 3. —. The farmer Gobal Poele, on account of the revenues of the bazaar from the year 1764/5: ƒ 1339. 19. 8. Wierappa Poele, being a former farmer of those villages, also from the year 1764/5: ƒ 975. –. –. The natives Tieroemenij Chittij and Ramalinga Poele, advanced on the delivery of textiles: ƒ 32427. 19. –. The absconded resident of Coedeloer, Eduart Cutton, still in arrears: ƒ 256. 1. –. The interpreter Chinaij Naijker, for cash advanced on the delivery of shirts: ƒ 14456. 4. 8. The junior merchant Ian Asping, for that which is still debited on account of certain taxes: ƒ 929. 1. –. The landlord, on account of recognition money advanced: ƒ 7500. –. –. The junior merchant and former secunde of Bimilipabnam, Carel Lodewijk Hagemeester, for various matters charged to him: ƒ 11607. 4. –. Monies seized by the French at Pondicherij, being that which was removed by the French ministry in the year 1759 from the ship Schellag, consisting of Japanese bar copper, gold coubangs, and uncoined gold. Cash and goods seized by the Admiral of the French, the Count d'Aché, for those at Pondicherij, being the value of the cargo of the ship Haarlem captured by the said Admiral and brought to Pondicherij, as well as the expenses incurred by the junior merchants Schoffier and Pfectter for their journey to and from Pondicherij concerning matters regarding the said vessel: ƒ 461498. 11. —. Tieroemenijchettij, on account of the paddy sold to him: ƒ 61220. 13. 8. The detainee Johannes Haselkamp, for that taken back to his debit: ƒ 540. –. –. The suppliers Condapillij Wengadassalam Chittiaar and Wengatarama Kostna Chittij, advanced on the delivery of textiles: ƒ 15643. 6. —. Inner-line current debtors and overdue accounts have remained as they were in the past year, namely: Indian money / Netherlands money The farmer Oetandiappa Moddelij: ƒ 743. 3. — / ƒ 697. 1. –. The same Moeniappa Poele: ƒ 23468. 16. — / ƒ 22002. 17. –. The same Wielia Poele: ƒ 1599. 10. – / ƒ 1499. 10. –. The same Kistna Poele: ƒ 557. 12. — / ƒ 522. 15. –. The same Wierappa Poeli: ƒ 660. –. – / ƒ 619. –. –. The same Gobal Poele: ƒ 6012. 2. – / ƒ 5636. 7. –. The same Wengadaselam Polle Chittiar: ƒ 5020. 13. 8 / ƒ 4706. 17. 8. The same Pier Sahieb: ƒ 288. –. – / ƒ 270. –. –. The same Mahamadoe Sultan Marcair: ƒ 12480. –. – / ƒ 11708. 11. –. Sloop Den Hottentot: ƒ 6166. 19. — / ƒ 5791. 9. —. The inner-line amounts: ƒ 56996. 15. 8 / ƒ 53444. 7. 8. Amounting together to: ƒ 107716. 13. —. The 2nd of March 1770.
Dutch transcription
291 den 2: Maart 1770. Jndias geld is a=o passato zijn afgeslooten, het welk wij accordee„ rende bevonden hebben, als meede alle posten van ongelden en ver„ deze afschrijvinge, accordeerende met de dierweegens verliende or„ donnantien, als meede de besluijten in raade van cormandel genomen. De Lasten en ongelden, en gevalideerde minderheede, en verliesen als meede defectueese goederen, op hunne eijgene reecq: afgeschreeven, en verantwoord 't welke alles ten lasten van dE: Comp: dient te blyven. De Jn en afschrijvinge geschied in behoorlijke forme en met de daar toe vereijschende Extentien De winsten en voordeelen, alle dE: Comp=e ten goede gebragt De Restanten, alle als weesentlijke Effecten konnen werden aange„ merkt dewijl ten deesen gouvernemente, de in gebruijk en flijta„ „gie onderworpen zijnde goederen, bij het Journaal sonder geld loopen. Bij de goederen welke genaamt werden ongetaxeerde, of sonder geld loopende restanten bevind sig nog een chialoup genaamt de Cor„ nelia welke niet inweesen is, maar ter rheede Mazulipabnam gesonken en verongelukt. —. Belangende de uijtstaande schulden soo bestaan deselve als volgt Christiaan van Teijlingen geweesen gouverneur deeser Custe over diverse saaken hem ten lasten gebragt - - - ƒ61388. 3. —. Den pagter gobal poele, weegens de inkomsten der basaar van - - - - - - - - - - - „1339. 19. 8. anno 1764/5. . Wierappa poele, zijnde een ouden pagter dier dorpen meede van anno 1764/5 - - - - - - - - - - - - - „ 975. –. –. De Jnlanders Tieroemenij chittij en Ramalinga poele op leverantie van lijwaaten voor uijt genooten. . . „32427. 19. -. Den g'aufugeerden resident van Coedeloer Eduart Cutton staat nog ten agteren - . . . . . . . . . . „ 256. 1. –. Den tholk chinaij Naijker, meederofvoor uijtgenootene contanten op leverantie van hembden - - - - „14456. 4. 8. Den ondercoopman Ian Asping afr: het geene als nog weegens eenige belasting geetebiteerd staat - - - - „ 929. 1. –. Den Land heer weegens voor uijtgenootene recognitie pen„ ningen - - - - - - - - - - - - - - - „ 7500. –. –. Den ondercoopman en geweesen secunde van bimilipabnam carel Carel Lodewijk Hagemeester over diverse zaaken hem geconquesteerde penningen door de francen te pondicherij, zijnde het geene door het france ministerium in den Jaare 1759. uijt het schip schellag geligt is, bestaande in Japans staafkoper, goud Coubangs, en goud ongemunt geconquesteerde Contanten en goederen door den admiraal der francen der grave de aische voor die te pondicherij sijnde, het bedraagen van de Laadinge van 't schip haar„ lem door gemelde admiraal overweldigt, en te pondi„ cherij opgebragt, alsmeede de gedaane ongelden door de ondercooplieden schoffier en pfectter voor haar rijse na en van pondicherij over zaaken gemelde bodem betreffende - - - - - - - - - - - - - - „461498. 11. —. Tieroemenijchettij weegens de aan hem verkogte nelij - - - „61220. 13. 8. Den gedetineerden Johannes Haselkam p afr het weeder ten zijnen lasten ingenoomen - - - - - - - - - „ 540. –. –. De Leveranciers condapillij wengadassalam chitti„ aar en Wengatarama kostna chittij op leverantie van Lijwaaten vooruijtgenooten - - - - - - - - - „ 15643. 6. —. Binnenslyns Loopende debiteuren en ten agterenstaande reecq: zijn verbleeven soo als deselve in a.o p=o sijn ge„ Indias Nederlands weest teweeten. —. geld Den pagter oetandiappa Moddelij - - - - ƒ 743. 3. — ƒ 697. 1. -. „ d=o Moeniappa poele. . . . . . . - „ 23468. 16. — „ 22002. 17. –. „ „ wielia poele. . . . . . . . „ 1599. 10. –„ 1499. 10. -. „ „ kistna poele. . . . . . . . . . „ 557. 12. — „ 522. 15. -. „ „ wierappa poeli - - - - - - -. „ 660. –. –„ 619. –. –. „ „ gobal poele. . . . . . . . . . „ 6012. 2. -„ 5636. 7. -. „ „ Wengadaselam poll:e Chittiar. . . „ 5020. 13. 8 „ 4706. 17. 8:: „ „ pier Sahieb - - - - - - - - - „ 288. –. – „ 270. –. –. „ „ Mahamadoe Sultan Marcair - - - „ 12480. –. –„ 11708. 11. –. „ Chialoup den hotten tot - - - - - - „ 6166. 19. — „ 5791. 9. —. De binnenslijns loopende bedraagen - - - ƒ56996. 15. 8 ƒ53444. 7. 8. bedraagende te saamen - - - - - - - - - - - „ 107716. 13. —. ten Lasten gebragt - _ _ _ _ _ - - - - - - - ƒ11607. 4. –. Den 2 ' Maart 1770.
English
293 The 2nd of March 1770. The Outstanding Accounts, which consist solely of charged compensation and tax of 1765/6, upon which still continues the premium enjoyed by Mr. van der Voort as adjunct sworn clerk, on account of the corrected servants against the Regulation: f 1337. 14. 8. The Preceding Accounts: Conquered monies from the French at Pondicherry on account of what was taken from a certain private ship hailing from Bengal, to wit: Indian Dutch money money Mg: 4719. 1. 10. Imperial dollars: f 120339. 5. — f 112818. —. —. 224. —. —. Spanish mats: f 5973. 7. — f 5600. —. —. making: f 126312. 12. — f 118418. —. —. Goods of the French released by the English admiral, Mr. Pocock, concerning a sloop or brigantine named Robijn and various items, all entered without valuation in the Journal 1757/8 on page 242; but since the decision taken in the Council of Coromandel on the 22nd of April 1760, sold by public auction and recorded to be seen in the Journal 1759/60 on page 141 and the Journal 1765/6; and finally, said brigantine Robijn, with sail and tackle, was also sold this year by auction, and the proceeds thereof, according to the resolution in the aforementioned Council on the 17th of July of this past year 1769, credited to this account, to be seen in the Journal page 205, and now amounts to: f 3448. 2. –. Revenues of Nagapattinam still stand at as much credit as the farmer Wierappa Poele owes for the lease of the village, and will be adjusted according to promise, amounting to: f 975. –. –. Furthermore, we have the honor to present to Your Right Honorable a general statement on the origin of the expenses incurred in this book year, with the addition of our respectful remarks. And hoping to have complied with the honored orders of Their High Mightinesses and the intention of Your Right Honorable, we take the liberty 7. 8. The 2nd of March 1770. The statement of expenses. to send to Batavia. Item, to strike the sloop Cornelia from the books. and coir cable from Sadraspatnam. to subscribe ourselves with the requisite respect. Below stood: Right Honorable Sir; Your Right Honorable's humble and faithful servants. Was signed: Cornelis Pietersz and Johannes van Tessel. In the margin: Nagapattinam, the 2nd of March 1770. Confirmation therewith, ordered that Which paper, having been found good and proper together with the statement of the expenses of this capital submitted therewith, it is resolved to fully confirm the aforesaid report as well as the remarks made by the commissioners in the margin of the statement, and therefore decision to send copies of those papers along with the books to Batavia. As it was also shown among other things in the aforesaid report that among the unassessed goods, or balances carried in the books without valuation, there was still a sloop named the Cornelia, which is no longer in existence, but was wrecked among others in the roads there during the storm that raged at the time of the abandonment of Masulipatnam in the year 1750, and has since been carried over in this account, it is resolved to strike the same entirely from the books in order to clear them. Submitted report regarding the inspection Furthermore, having been submitted the report of the boatswains Michiel Tient and Pieter Theodorus regarding their performed inspection and 7 295 The 2nd of March 1770. To have that report sworn to and why from Sadraspatnam those of Bimilipatnam received there. and finding of a heavy coir anchor cable of 17 inches, brought hither from Sadraspatnam in accordance with the decision of this table of the 12th of this month, according to which it appears that at 15 fathoms from one end of that cable, three strands were broken straight off and the coir yarn at that spot was deteriorated, as well as worn in several places along the entire cable and the threads were broken in pieces, thus unfit for issuance to a ship, although it could still be used for the making of spring lines, well-ropes, and cordage, though in that case yielding a half loss; against which the Sadraspatnam chiefs in their letter of the 23rd of February last stated that although the aforesaid cable was damaged 15 fathoms from the end, nevertheless it did not hinder its use; therefore, on account of those contradictory statements, it is approved and resolved to have the aforesaid report submitted here sworn to before two commissioned members of the Court of Justice, and to suspend the final disposition concerning it until that has been executed and the certificate thereof has been resubmitted. Pursuant to the order given to Sadraspatnam by letter of the 15th of February last, in accordance with the aforesaid decision of the 12th prior to the servants' letter of the 23rd thereafter per the sloop
Dutch transcription
293 den 2:' Maart 1770. De Ten agteren staande Reekeningen welke Eeniglijk bestaat in Aangereekende vergoeding en belasting van 176 5/6. waarop als nog voortloopt de genootene premie door den heer van der voort als adjunct gesworeclercq, weegens de verbeeterde die„ naaren teegens het Reglement - - - - - - - - - ƒ 1337. 14. 8. de Te voorenstaande Reekeningen geconquesteerde penningen van de francen te pondicherij wee„ gens het geligte uijt zeekere particulier schip in Benga„ Indias Nederlands len thuijshoorende teweeten geld Mg: 4719. 1. 10. Keijserdaalders - - - - - - - ƒ120339. 5. — ƒ12818. —. „ 224: —. —. spaanse matten. . . . . . . . „ 5973. 7. -. „ 5600. —. —. uijt maakende - - - ƒ126312. 12. — ƒ118418. —. —. gerelaxeerde goederen der francen door den admiraal der Engel„ sen M=r pokok over een chialoup of brigantijn gen=t Robijn en diverse dingen, alle sonder gelt ingenoomen in het Journaal 175 7/8. op pagina 242. dog 't zeedert het genoa„ men besluijt in raade van Cormandel op den 22:' april 1760. per publicque vendutie verkogt en ingenoomen te sien in t Journaal 175 3/60. op pagina 141. en't Journaal 176 5/6. en eijndelijk is gemelde brigantijn Robijn, met zeijl en trijl deesen Iaare meede bij vendutie verkogt, en het provenu daar van volgens het geresolveerde in raaden voormelt op den 17.:' Julij deeses verloopen Jaars 1769. ten goede deeser reekening ingenoomen te sien bij 't Journaal pag: 205. en bedraagt nu - - - - „ 3448. 2. –. Jnkomsten van Nagap=m staat nog eeven soo veel te vooren als den pagter wierappa poele over den pagt der dorp en debet staat en zal volgens belofte werden verwent bedraagd „ 975. –. –. Wijders hebben wij de Eere uwel Edele gestrenge aan te bieden een generaal vertoog van het oorspronkelijke der Latten in dit boek„ Jaar gevallen met bij voeginge van onse eerbiedige aanmerkingen. En verhoopende aan d' g'eerde beveelen van haar hoog Edelheedens, en de intentie van uwel Ed: gestr: te hebben voldaan, matigen wij 7. 8. Den 2. ' Maart 1770. 't vertoog der Lasten. tavia te zenden. Jtem om de chialoup cornelia uijt de boe„ kense laaten. ven en caijer antibitouir van Cabat p:a wij ons de eer aan om met het vereijschte ontsag te onderschrij„ ven /:onderstond:/ wel Edelen gestrengen heer; uwel Edele gestrenge onderdanige en trouwschuldige Dienaaren /:was„ geteekend:/ Corn=s pietersz:, en J:s van Tessel, /:in mar„ gine:/ Nagapatnam Den 2. ' Maart 1770. Conformering darmede Comdat mnt Welk papier met het daar bij teffens overgelegd vertoog der lasten deeser hoofdplaatse, wel en naar behooren be„ vonden weesende is verstaan sig met voorsz: rapport soo wel, als met de door de gecommitteerdens in mar„ gine van het vertoog gemaakte aanmerkingen ten vollen besluijt die papieren in copijna bate Confirmeeren, en mits dien Copias van gedagte pa„ pieren, neevens de boeken na batavia te senden. —. Bij voorsz: rapport ook onder anderen aangethoond werdende dat onder de ongetaxeerde goederen, of sonder geld bij de boeken loopende restanten sig nog bevond een chialoup genaamt de Cornelia, welke niet meer in wee„ sen, maar bij de opbrake van Mazulipatnam in den Jaare 1750. in de te dier tijd gewoed hebbende storm onder andere aldaar ter rheede verongelukt is, en zeedert op deese reecquening voortgeloopen heeft, soo is verstaan om deselve tot suijvering der boeken in't geheel daar uijt te laaten ingediend naffort weeg=s de visitatie Voorts ingediend sijnde 't rapport van de bootslieden Michiel tient en Pieter Theodorus, weegens derselver gedaane viesitatie, en 7 295 Den 2. Maaert 1770. dat rapport te laten b'heedigen en waarom van secdrees p=m die van bimilip=n aldaar ontfangen. en bevinding van een swaar Caijer ankertouw van 17. duijm conform 't besluijt deeser tafel van den 12:' Courant van Sa„ draspatnam dit heen overgebragt, volgens het welke dat mat daar bijblijkt touw 15. vadem van het eene end, drie strengen dwars af„ gebrooken en 't caijerdraad op die plaats mins mitsgaders langs het geheele touw op verscheijde plaatsen versleeten, en de draaden aanstucken was, dus onbequaam tot die ver„ strecking aan een schip, hoewel egter tot het slaan van sprin„ gen puttouwen, en lijnen gebruijkt zoude konnen werden dog als dan de helft verlies geeven soude, waar en teegen de sadraspatnamse opperhoofden bij derselver letteren van den 23:' febr: passato bedeelen dat schoon voorsz: touw 15. reedem van het end beschadigd was nogthans het selve geen hinder gaf, in't Emploij derselve, soo is om besluijt al vorens diens t essemen de wille van die Contradictoer opgavens, goedgevonden en verstaan voorschreeven alhier overgegeeve Rapport ten overstaan van twee gecommitteerde Iustitieele Leeden te laaten b'eedigen en de finale dispositie dien aan„ gaande te supercedeeren, tot dat zulx verrigt, en de acte daar van weeder ingediend sal weesen. —. Ingevolge de gestelde ordre na Sadraspabnam bij brieve oerboenging alher vom enge refijer van den 15. ' febr: p=o Conform voorsz: besluijt van den 12:' be voorens der bediendens Letteren van den 23. ' daar aan per de Chialoup
English
...to see what price they fetch here, and to what end. Resumption of a disposition on the findings of what was delivered from the thonij De Jonge Pottoaus at Sadraspatnam. From the sloop Anthonia Dorothea having been sent hither 5387 pieces of Mazulipatnam English Company and 580 Mazulipatnam, or together 5987 pieces of rupees, which remained left over from the lot of 17550 pieces sent thither from Bimilipatnam instead of pagodas, since the others had already been sold against the charged price prior to the receipt of the order; it was resolved to hand over a portion thereof to the Company shroff or money assayer here, Waijtinada Chilliaar, in order to learn for what price they can be converted here, to the end that, upon receipt of the report thereof, further disposition may be made in that regard. Having also resumed the findings sent from there concerning the delivered cargo of the thonij De Jonge Galenus, whereby it appears that some of the parcels of cloves yielded a shortage of indeed 1/8 and 1/16 percent more than the stipulated 1/2 percent, but others on the contrary again so much less, so that on the entire quantity of 2650 1/4 lb no more than 14 7/8 lb was delivered short, making thus on average a generous 1/2 percent; it was resolved, since the shortage on average did not exceed the stipulation, to let the tindal of that vessel rest therewith. 2 March 1770. 297 2 March 1770. In like manner served the report of the commissioned Judicial Council Members who, in the presence of the Merchant and Fiscal of this main station, pursuant to the resolutions of this Board of 3 and 19 April 1769, first re-weighed and sealed with the Judicial seal the dust and sweepings of spices brought hither from Sadraspatnam by the sloop De Papegaaij, whereby it appears that on: 594 lb dust, sweepings, and white leaves of mace, 1 1/2 lb or a generous 1/4 percent; 458 lb dust and heads of cloves, 1/2 lb or 1/9 percent; as well as on 1291 lb mite-eaten nutmegs, 6 1/2 lb or 1/2 percent was found short. And since the seals of the bundles and chests in which those spices were sent were, according to the aforesaid report, all undamaged, and the shortage can thus be attributed to nothing other than processing, it was resolved to have the same written off and furthermore to act in that regard in such manner as has already been determined in that respect in the resolutions just cited. As was also further produced the report of the Junior Merchant Nicolaas Tadama and the bookkeeper Ian Marcus Dormieux, who, according to the resolution of this Council of 2 February past, destroyed the unfit goods mentioned in the note submitted on that day, and it having appeared thereby that 88 lb of scrap iron had resulted from them, it was resolved to have the same taken in, unvalued, as scrap iron to be consumed in the service of the Honorable Company. Upon the reports of the goods received from the sloop De Papegaaij into the ammunition house, the pantry, the armory, and the naval yard, consisting of the following; namely: In the ammunition house: 5 pieces powder horns 4 pieces linstocks 81 pieces round shot 57 pieces bar shot 1 piece powder funnel In the armory: 6 pieces cartridge boxes In the pantry: 1 piece pewter jug 1 piece brass faucet 1 piece copper mouthpiece 1 piece arrack tub 2 March 1770. 299 At the naval yard: 1 piece skimmer 1 piece fire tongs 1 piece ash shovel 1 piece bacon fork 1 piece auger 2 pieces calking irons 1 piece adze 1 piece speaking trumpet 1 piece brass spoon 1 piece cross-staff 1 piece art of navigation, by Gietermaker 1 piece nautical tables booklet 1 piece azimuth compass; it having appeared that of the 5 powder horns 5 bar shot 6 cartridge boxes, and furthermore all the pantry and naval yard goods were unfit, and 1 linstock was found missing; it was resolved to have the powder horns, cartridge boxes, and arrack tub destroyed here, as well as to send the unfit 5 pieces of bar shot together with the pantry and naval yard goods to Batavia, and the remaining fit artillery goods in the books here... 2 March 1770.
Dutch transcription
beeenen om te sien wat prijs deselve alhier gelden. en ten wat eijnde resumptie van een dispositie op de be„ vinding de uijtgeleverde van de thouij de Jonge pottoaus t. sadra l=m chialoup Anthonia Dorothea dit heen gesonden sijnde 5387. stuks Mazulipatnamse Engelse Comp=s en 580. Mazue„ lipatnamse ofte saamen 5987. stux ropijen die uijt de van Bimilipatnam insteede van pagooden dat heen gesondene parthij van 17550. - stux overgeschooten sijn, al„ soo de andere teegens de aangereekende prijs, voor de ont„ besteijt daarvan en partijande aontfangst der ordre, reeds verkogt waaren, soo is verstaan een parthij daar van, aan 'sComp=s saraf of geldkenner alhier Waijtinada Chilliaar ter hand te stellen, om te ervaaren voor wat prijs deselve alhier omgeset kunnen werden ten eijnde het berigt daar van ingekoomen sijnde, nader diendweegen te disponeeren. —. Nog geresumeerd sijnde de van daar overgesondene bevinding der uijtgeleeverde Laading van de thonij de Jonge galenus, waar bij blijkt, dat sommige van de parthijen nagulen wel 1/8. en 1/16. percento, meerder onderwigt afgeworpen hebben, dan de bepaalde ½. ten honderd, dog andere daar en teegens weeder soo veel minder invoegen dat op de gantsche quantititeijt van 2650. ¼. niet meer dan 14. /18. lb: te min uijtgeleeverd is, makende dus door den anderen ½. percento ruijm soo is verstaan dewijl het minwigt door den anderen geslaagen de bepaling niet surpaseerde den tandel van dat vaarthuijg daarmeede te den 2' Maart 1770. Laaten ƒ 297 den 2'. Maart 1770. ging van't stof en gruijs van spece„ min wigt affsz: laaten volstaan. —. Inselvervoegen diende het Rapport van de gecommitteer,„ dining van raffent der na we„ de Iustitieele Raadsleeden, die ten overstaan van den rijen &= van Canbas Coopman en fiscaal deeser hoofdplaatse, ingevolge de be„ sluijten deeser tafel van den 3. ' en 19:' April 1769. de van Sadraspatnam per de chialoup De Papegaaij al„ hier aangebragte stof en gruijs van specerijen ten eersten nagewoogen en met het Justitieele Cachet versegelt hebben, waar bij blijkt dat op. —. 594. lb: stof, gruijs en witte blaadjes van fallij 1. ½. lb: d: 14. pr Cento ruijm 458. „ stoff en kruijntjes van nagulen ½. lb: of 1/1. p:r Cento s=s, mitsgaders op 1291. „ vermijterde nooten 6½. lb: of 1½. p„rCento te kort be„ vonden was. En dewijl de seguls van de bondels en kisten waar in die specerijen besluijt het daarop bevonden overgesonden sijn, volg=s het voorsz: Rapport alle ongeschonden geweest zijn en het minwigt dus aan niets anders dan aan het verwerken g'imputeerd werden kan, so is verstaan 't zelve te laaten afschrijven en voorts daaromtrend sodanig te doen handelen, als bij de soo even aangehaalde resolutien ten dien opsigte reets vast gesteld is. —. Soo als ook nog geproduceerd wierd het resport van den onder„ Coopman Op de vermelding der onbeq: goederen men ijser inteneemen. goederen van de Chialoup de pape„ gaaij productie van't rasportwagens. Coopman Nicolaas Tadama en den boekhouder Ian Marcus Dor„ mieux, dewelke volgens besluijt deeses raads van den 2. ' februarij passato de bij den ten dien dago ingediende notitie vermelde onbe„ quame goederen vernietigd hebben, en daar bij gebleeken zijnde besluijt het daaruit voorgek:dat van deselve 88. lb: oud ijzer voortgekomen was, soo is ver„ staan het zelve op oud ijzer ongeschat te doen inneemen om ten dienste der E: Comp=e verbruijkt te werden. onbequaem bevinding van eenige Bij de Rapporten der van de chialoup de Papegaaij in't. ammonitie huijs, de despens, de wapenkamer, en de Equipagie werf ontfangene goederen, bestaande in de volgende; als In 'T Ammonitie Huijs 5. p.s kruijthooms 4. „ Londstocken 81. „ Rondscherp 57. „ Langscherp 1. „ kruijttregter In de Wapenkamer 6. p. s pattroontassen In 'T Dispens 1. „ Tinne kan 1. „ koopere kraan 1: „ Mit of kopere Mondstuk 1. „ Arraks balij den 2:' Maart 1770. 299 Op de Equipagie werd 1. p=s schuijm spaan 1. „ vuurtang 1. „ asschop 1. „ spek Fark 1. „ avegaar 2 „ Callafaat ijzers 1. „ Dissel 1. „ Roeper 1. „ koopere Leepel 1. „ graad stok 1. „ konst der stuuurlieden, door gietemaker 1. „ graad boekje 1. „ pijl Compas, gebleeken zijnde dat de eer van 5. „ kruijthoorns 5. „ Langscherp 6 „ pattroontassen, en voorts alle de dispens en Equipa„ gie goederen onbequaam waaren, en 1. Londstok te kort be„ vonden was soo is beslooten de kruijthooms, pattroon, wat daaromtrend besloot is tassen en arraks balij alhier te doen vernieligen, mits„ gaders de onbequaame 5. p=s langscherp neevens de dis„ pens, en Equipagie goederen na Batavia te senden, en de resteerende bequaame arthillerij goederen bij de boeken den 2.' Maart 1770. alhier
English
Submission of the report regarding the comparison of the weights to be kept of ƒ2413. 2. 8. assignation of Tieroemenij Chittij and from where originally to be taken in here, but to write off the found deficit of the match on the expenses of sloops. Likewise having served the report of the commissioned judicial council members, in the presence of the Fiscal, regarding the performed comparison and calibration of the Company's weights and parras against the standard ditto, whereby it appears that everything was found in good order, it was therefore decided to make a record thereof in this document. Back-reckoning from Ceylon hither of ƒ2413. 2. 8. being the lesser amount of the first assignation than what was received for it there. Thereafter, the invoice of the bill from Colombo dated the 18th of January last was brought to the table, annexed with two extracts from the resolution taken in the Council of Ceylon dated the 21st of November 1769, whereby an amount of ƒ 2413. 2. 8. is charged back hither, being the lesser amount of the first assignation dated the 20th of March 1769 granted to the account of the factor of Tieroemenij Chittij than what was received for it there, arising from the reduction of Dutch money to milled ducatons and pagodas. For the said assignation, being in the amount of pagodas 4468. ¼. at 90 stivers each, amounts to ƒ 20109. 7. 8., which, in milled ducatons of 66 stivers each, yield 6093. ¾ ducatons. And although the Dutch money on the 2nd of March 1770 the 2nd of March 1770. money stood completely equal on both sides, it was nevertheless found that, in case the assignation had to be paid as has already been indicated, Tieroemenij Chittij would then have to pay out more than he received here from the Honorable Company. For the aforementioned 6093. ¾ milled ducatons, at the exchange rate of Indian money of 80 stivers a piece, make ƒ 24375. —. And 4468. ¼ pagodas calculated at 96 stivers, thus makes Indian money that Tieroemenij Chittij owes: ƒ 21450. —. And therefore he would have had to pay more by ƒ 2925. —. Whereby he would suffer a loss, and the agreement entered into with him, mentioned in the resolution of the 10th of January 1769, would not be fulfilled, since that resolution dictates, just as the bill of exchange is drawn up, that it must be paid there in rixdollars of 48 stivers, whereby the aforementioned sum of pagodas 4468. ¼ yields 8937 rixdollars, which calculate to 5362. ½ milled ducatons at 66 stivers each: ƒ 17696. 5. 8. Whereas according to the assignation it is entered as: ƒ 20109. 7. 8. Ergo, overcharged from here: ƒ 2413. 2. —. Which, with the amount charged back, does not differ more than a few penningen. Thus, after deliberation, it has been approved and understood that, since the excess charged on the exchange account or to the general account may be written off according to the model received from Batavia, because the Indian money is of equal value, and the bill of exchange was thus paid according to the old footing that was followed before the introduction of Dutch money, and this back-reckoning is therefore correct, because pagodas 4468. ¼ at 96 stivers a piece make ƒ 21454. —. And 5362 ½ milled ducatons at 80 stivers each also sum to ƒ 21450. —. Decision to clear the said back-reckoned sum of ƒ 2413. 2. 8. here on the general account, because, although it is true that the bills of exchange received here from Ceylon are paid out here in new pagodas instead of old ones, this nevertheless cannot take place in this case as it would conflict with the aforementioned contract entered into with the merchant; and to keep a record in this document of this, as well as that for the second assignation sent back, according to the latest calculation, or with a deduction of 12 percent, an improved ditto was prepared and dispatched, as proof in due time. Resumption of some letters from the subordinate stations. the 2nd of March 1770. Stations. the 2nd of March 1770. Decision to write off some expense accounts. For further elucidation of Sadras regarding the pounding wage of the paddy. Receipt of 2 mint assay results from Jagganaikpuram, what is still lacking in them. Decision to inform the chiefs thereof for their instruction. Next, several letters were resumed from the subordinate stations of Paliacatta, Sadras, Portonovo, and Jagganaikpuram, on which nothing noteworthy was found to reply, other than to authorize the officials of the three first-mentioned to write off the accompanying expense accounts of the past month of January, in none of which any excesses appeared; although it was nevertheless deemed proper to require further elucidation from Sadraspatnam as to why in the said month 5 fanams more was charged there for the pounding wage of the paddy than in previous months. From Jagganaikpuram having been sent hither two mint assay results of the silver rupees minted there, which indeed have been drawn up according to the model sent to the officials from here by letter dated the 20th of November 1769 pursuant to the resolution of the 18th prior, but wherein, however, was not observed the additional alloy which was found here to be necessary to add to those rupees in order to bring them to the assay of 11 penningen 10½ grains, so that their first finding was followed in that regard and thus subjected to the same errors; ergo, the Honorable Company was also not credited with the additional rupees that should otherwise have resulted therefrom, over and above that the fineness of the rupees was left open therein. Thus it has been approved and understood to notify the officials thereof, and to set forth to them the observance
Dutch transcription
diening van 't rapport weegens. de Controntatie der gewigten te houden van ƒ2413. 2. 8. assignatie van Tieroemenij chitlij en waar uijt oorspronkelijk alhier te doen inneemen, dog de tekort bevondene lond„ stok op onkosten van chialoupen te doen afschrijven. Inselvervoegen nog gediend hebbende het Rapport van gecommitteerde Iustitieele raadsleeden, ten over„ staan van den fiscaal weegens de gedaane Confrontatie, besluijt daarvan aanteekenen n eijking van 'sComp=s gewigten en parras teegens de stand ditos, waar bij consteerd dat alles wel bevonden is, zoo besloot men daar van in deesen aanteekening te houden. —. te rug reecq: van ceijlen dit heen Hierna ter tafel gebragt zijnde de factuur van aan„ reekening van Colombo de dato 18:' Januarij Jongstlee„ den g'annexeerd van twee Extracten uijt de resolutie genoomen in raade van Ceijlon de dato 21:' November 1769. waarbij dit heen te rug gereekend werd ƒ 2413. 2. 8. of merder bedragen avan de ert ijnde het minder bedraagen van de eerste assignatie als daer voor ingekomen is. . gedateerd 20. ' Maart 1769. ten Laste van den factoor van Tieroemenij Chittij verleend, dan daar voor al„ daar ingekoomen is, voortspruijtende uijt de Reduc„ tie van 't Nederlands geld tot gecartelde ducatons en pagooden, want gemelde assignatie groot geweest zijnde pag: 4468. ¼. â 90. stuijvers ider komt ƒ 20109.7. 8. dewelke gecartelde ducatons van 66. stuijvers ider, uijt brengen ducatons 6093. ¼. en of schoon het nederlands den 2.' Maart 1770. geld 301 den 2:' Maart 1770. geld nu over en weeder wel eguaal stond, soo wierd eg„ ter bevonden, dat ingevalle de assignatie sodanig betaald werden moest, als reeds aangeweesen is, Tieroemenij Chittij als dan, meerder soude moeten uijtkeeren als hij alhier van d'E: Comp=e genooten heeft, want voorm: 6093. ¾. gecartelde ducatons, doen in de Coers Indias geld 80. stuijvers het stuk uijt maa„ En 4468. 14. pag: â 96. stuijvers gereekend dus komt Jndias geld dat Tieroemenij chittij schil„ dig is. . . . . . . . . - - . „ 21450. —. En oversulx soude hij meerder betaald moeten hebben ƒ 2925. —. Waar door hij schade geleeden hebben, en niet aan het met hem aangegaan accoord ter resolutie van den 10:' Januarij 1769. vermeld voldaan soude weesen, dewijl dat besluijt dicteerd, soo als de wissel ook ingerigt is, dat aldaar in rysd:s van 48. stuijvers betaald werden moet wanneer de voorsz: som van p:r lo 4468. ¼. uijt brengt rijxdaalders o937. dewelke bereekenen gecartelde ducatons 5362. ½. â 66. stuijvers Daar bij de assignatie bekendstaan - - - - – „ 20109: 7:8: : Ergo van hier te veel aangereekend - - - - ƒ 2413: 2: —: het geen met het te rug gereekend bedraagen niet meer kende _ - - - - - - - - - - - - ƒ24375. —. ider - - - - - - - - - - - - - - ƒ17696. 5. 8. als. verevenen. houden—. signatieren verbeterde gesonden is. onderhoorige complairen als op penn: ditterend, soo is na deliberatie goedgevonden en verstaan dewijl het meerder aangereekend op de wissel reecq: of ten laste van 't generaal volgens 't van batavia ontfangen moddel afgeschreeven werden mag, alsoo het Indias geld gelijkstandig, en de wissel dus volgens den ouden voet die voor de introudictie van 't Nederlands geld gevolg wierd betaald, mitsgaders deese terug reecquening dus goed is, want pag: 4468. ¼. â 96. stuijvers het stuk maaken. En 5382 ½. gecartelde ducatons â 80. stuijvers besluijt zulde op 't generaal ze ged: terug gereekende som van ƒ 2413: 2: 8. alhier op 't generaale te vereenen, nademaal of schoon wel waar is, dat de van Ceijlon alhier ontfangen werdende wissels in steede van oude„ alhier in nieuwe pagooden uijtgekeerd werden, zulx egter in dit geval geen plaats hebben kan als strijdig zijnde met en daar van aantekening te het voormeld Contrant met den Coopman aangegaan, mits„ gaders hier van soo wel, als dat voor de terug gesondene zoomeede dat voor de tweede al, tweede assignatie, na de laatste becijffering, of waar aftrek van 12. percento een verbeeterde dito ingerigt en versonden is in deesen aanteekening te houden ten blijke in der tijd. —. _o resumte van eenige breven Ed: Vervolgens wierden geresumeerd eenige brieven van de onderhoorige ider sommeeren ook _ _ - - - - - - - - - - „ 21450. –. –. . - - - - - - - - - ƒ 21454. –. – den 2 ' Maart 1770. Comptoiren 303 den 2e. Maart 1770. reedq: „dras weeg:s 't stamploon der nelij bekoming van 2. munts bevendingen van Jagg. haar narigt voortehouden. Comptoiren Palliacatta, fadres, portonovo, en Taggemaijk poeram waarop niets naamwaardigs te respondeeren gevonden is, dan de bediendens der drie eerstgem: te qualificeeren tot de afboeking besluit ter afsz: van eenige onkost van de daarneevens overgesondene onkostreecquening van de maand Ianuarij pass=o in geene derwelke eenige excessen te vooren gekoomen sijn, hoe wel men egter goedvond, van sa, ter vordere ucidtatie van sa„ draspatnam elucidatie te vorderen, waarom in gedagte maand aldaar 5. fen=s meerder aanstamploon van de nelij opgebragt is, dan in voorige maanden. —. Van Jaggernaijk poeram dit heen overgesonden sijnde twee munts bevindingen der aldaar geslaagene silvere ropijen, die wel na het aan de bediendens bij brieve van hier de dato 20:' 9ber: wet aan deselve nog manquend 1769. toegesonden moddel volgens resolutie van den 18:' bevoo„ rens opgemaakt sijn dog waar in egter niet geobserveerd is, het meerder toeset, dat men alhier bevonden heeft, bij die ropijen te moeten koomen om deselve op 't Essaaij van 11. penn: 10½. grijn te brengen, in voege dat daarom trend haare eerste bevinding gevolgd, dus deselfde fouten onderworpen, ergo dE: Comp=e ook niet ten goede gebragt is, de meerdere ropijen die daar uijt andersints soude hebben moeten voort„ komen, buijten en behalven nog, dat men de gehalte der ropijen daar bij opengelaaten heeft, soo is goedgevonden en verstaan besluijt zulk de opperhoofd: tot de bediendens zulx te kennen te geeven, en haar de obser„ vantie
English
The 2nd March 1770. To write further concerning the matter, since when this second reminting took place, the absolute order of this Government according to the resolution of the 2nd February, dispatched by letter of the 5th thereof, to bring the rupees to the standard of 11 penn: 10.½. gr: cannot yet have been received there. Further, the business of Their High Noblenesses' missives of the dates 27th August and 18th November of the past year being taken in hand, it was resolved to offer highest the same the gratitude of this Government for the remittance sent to Ceylon by the ships Velsen and Duijnenburg for the service of this government of 4 chests of gold, with respectful mention to be made that in conformity with highest their respected instructions dated 25th July of the past year, one chest had been left to the Ceylon ministers, besides a second chest which they had already reminted, but against which they had promised in their letters of the 23rd January last to send back here half of the pagodas resulting therefrom, as well as all that they could obtain from the sale of the Elephants, provided that one should elucidate to them whether Porto Novo pagodas could be issued here in trade, but that, since that coin had long been declared bullion here, one had written them off or refused their acceptance, with further communication to be made that one had partly already obeyed and executed the orders contained in the accompanying extracts from the venerated resolutions taken in the Council of India, and as far as Europe was concerned, had inserted the respectful marginal answer to the respected writings of the Gentlemen Majores in the advices recently sent via Ceylon. Just as the obscurity that arose earlier concerning the monies remitted to Batavia via two bills of exchange by the repatriated cashier Haselkamp had been treated at length in resolutions of this table of the 5th June and 21st August of the past year, one trusted that Their High Noblenesses will have obtained the requisite elucidation therefrom, as also further a more satisfactory one from the report and the annexed appendices concerning the request made regarding the true circumstances of Haselkamp or those regarding his deficit in the petty cash and the liquidation thereof. While one further resolved to request highest their orders whether the injured guarantors of Haselkamp might obtain satisfaction from the monies that were still to be found here from the same. And one also did not doubt that it would already have become clear to Their High Noblenesses upon receipt of the writing from here dated 29th August last, dispatched by the ship Vreedelust, for what reasons the widow of the deceased Equippagiemeester Cornelis de Vos had been charged with the compensation for half of the coir rope, besides that this was also evident from the report of the visit of the Lord Governor to the Northern Offices, and the said widow was also not at all unaware that her husband had agreed to pay half of that rope, but it appeared to the assembly that she had wanted to avail herself of the non-arrival of the ship Vreedelust with the writings of this Government in that regard, concerning which, however, a very erroneous calculation had been made by her. In respect of the abuses committed both at Palicol regarding the painted neckerchiefs and at Iaggernaijknaijkpoeram in respect of the bale of salempores fine bleached, it was resolved to make known the displeasure of Their High Noblenesses to the chiefs, and to cause the necessary care to be taken that
Dutch transcription
den 2'. Maart 1770. ven van den 27: aug:. en 187:' 9ber: pa. —. gesonden goud. . het adsilteeren van ceijlon met geld vantie van het een en ander nader aanteschrijven dewijl toen deese tweede vermunting geschiede, de absolute ordre deeser Regeering volgens resolutie van den 2:' februarij bij brieve van den 5. ' daaraan afgegaan, om de ropijen op het gehalte van 11. penn: 10.½. gr: te brengen aldaar nog niet gerecipieerd sijn kan. —. besoigne over haar hoog Ed:s bre Wijders ter besoigne bij de hand genoomen zijnde haar hoog Edelens missive de datis 27:' augustus en 18: 9ber: des voorleeden Jaars, soo wierd beslooten hoogst deselve de dank„ te doene dant, betuijging voor't baarheijd deeser Regeering op te offeren voor de gedaane toeschicking na Ceijlon per de scheepen velsen en Duij„ nenburg ten dienste van dit gouvernement van 4. en onder welke melding ropen goud kisten, onder eerbiedige te doene melding dat men daar van in conformite van hoogst derselver g'eerd aanschrijvens de dato 25:' Julij des voorleeden Jaars een kist aan de Ceijlonse ministers overgelaaten hadde, buijten en behalven een tweede kist, die deselve reeds vermunt, dog waar en teegen sij bij haare lette„ ren van den 23:' Januarij Jongstleeden beloofd hadden weeder dit heen te sullen senden de helft der daaruijt voort koomende pagooden, soomeede alles wat ze uijt den verkoop der Eliphanten magtig werden konde, mits dat men haar soude moeten elicideeren of alhier porta„ novose. 287 305 den 2:' Maart 1770. ordres bij de bekomen Extracten vervat gedeeltelijk g'executeerd zijn bij de Jongste brief vehandelt is noffens de duijster h=d van even gem: 2. assignatie sien is. . nooose pagooden in den handel uijtgegeven werden konde, dog dat men, dewijl die munt alhier al voor Lange billioen verklaard was, deselve afgeschreeven of dies acceptatie gerefuseerd hadde, onder wijdere te doene Communicatie te doene Communicatie dat de„ dat men de ordres vervat bij de daarneevens overgesonden Extracten uijt de gevenereerde resolutien genoomen in raade van Jndia ten deele reeds g'obedieerd en ter Execu„ tie gebragt, mitsgaders voor soo verre Europa betrof het En da 't geene Europa betreft, eerbiedig marginaal andwoord op het g'eerd schrijvens van de heeren Majores bij de Jongst over Ceijlon afgesondene ad„ vijsen g'insereerd hadden. —. Soo als nopens de te vooren gekoomene duijsterheijd omtrend reeds gesuspectiteerde lucidatie de per twee assignaties na batavia overgemaakte pennin gen van den gerepatrieerden cassier Haselkamp bij reso„ lutien deeser tafel van den 5:' Junij en 21:' augustus der gepasseerden Jaars breedvoerig verhandeld wesende, men vertrouwde haar hoog Edelens daaruijt de vereijschte en waar bij zulk nog naderte Elucidatie erlangd sullen hebben als meede nader een voldoender bij het rapport en de annexe bijlaagen, wee„ gens het gedaan versoek van den weesentlijken toedragt van Haselkamp of die nopens zijne te kort kooming bij de kleene cassa en de lequidatie derselve. —. Terwijl men alverder besloot hoogst deselve ordre te versoeken, of 22 den 2. ' Maart 1770. haselkamp betaald mogen werk, uijt zijn penn: nontwijfeling of het zouderees ge„ bleeken sijn waarom de wed: de vos„ gelegt is. . remarque dierweegens Ed„s doon neer gem: bed:s over de bega„ ne obuijsen. niet meer gebeurd te doene vrage of de borgen van of de beschadigde borgen van Haselkamp voldoening soude moogen erlangen uijt de penningen die van denselven al„ hier nog te vinden waaren. —. En men twijffelde ook niet of haar hoog Edelens soude een half Canijertouw te verglding op bij receptie van 't schrijvens van hier de dato 29. ' aug=o pass=o per het schip vreedelust afgegaan reeds gebleeken zijn, om welke reedenen de weduwe van den overleedene Equi„ pagiemeester Cornelis de vos de vergoeding van het beduwve Caijertouw voor de helft opgelegt was, buijten waar zute nog meercosteerd en behalven dat zulx ook consteerde, bij het rapport van de visete van den heer gouverneur na de noorder Comptoiren, en gedagte weduwe ook gants niet onbewust was, dat haar man aangenoomen hadde, de helft van dat touw te betaalen, dog het quam de vergadering voor, dat zij zig van de nonarrive van het schip vreedelust met het schrij„ vens deeser Regeering dienaangaande, had willen bedie„ nen, dog waaromtrend door haar een seer abusive reekening gemaakt was. — te betuijgen ongenogen van haar en Ten opsigte van de begaane abuijsen soo te palicol omtrend de geschilderde neusdoeken als te Iaggernaijknaijkpoe„ ram ten opsigte van 't pak salemp=s fijn gebleekt, besloot mende opperhoofden het misnoegen van haar hoog Edelens besluijt om sorgete dagen dat zelf te kennen te geeven en de noodige sorge te doen draagen dat