Inventory 3320
Coromandel · 1,346 pages · 220 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
160 Letter C And whereas the Under-Headman and former secretary and Cashier at Your Honours' main office Johannes Haselkamp has addressed us by Petition for the purpose of obtaining restitution of various costs with which, according to his statement, his account was allegedly improperly charged, amounting together to a sum of Rijxds 22196: 20:—, we have therefore thought fit, before disposing thereof finally, to send Your Honours in copy the aforesaid Petition with the appendices submitted therewith, as is done herewith, with orders to have it accurately investigated, and to serve the Government as soon as possible with evidence as to how the matter actually stands with all the entries mentioned in the said Petition, and how far the claims made therein by him are to be credited, to the end that we may be enabled with certainty and peace of mind to dispose thereof according to equity, his account having in any case to be debited for the amount of the two pay accounts, regarding which an accompanying report from the head of the general pay office was also requested, as already remitted by the earner to the Netherlands in the year 1749. /:below was written:/ agreed /:was signed:/ Wm. Duijnevelt sec. Agreed. — H Duijnevelt Extract from a dispatch written by Their High Nobilities the Noble High Indies Government at Batavia to Cormandel, dated 30 December Anno 1768. 161 Letter D: Friday the 2nd of June Anno 1769. — Concerning the claim formulated by Haselkamp and the matter submitted by the same to that end, it has been resolved to examine everything anew and with the utmost exactitude, and to show by a report the condition in which the petty Cash, having been under his administration and accountability, was found upon the taking of the balance, and how and with what monies all the deficiency found therein was made good, with that which further ought to be demonstrated, and the reason why from the monies belonging to the estate of the widow Crucius some charges were paid for the benefit of her deceased Father, the Merchant, trade bookkeeper, and First Warehouse Master Anthony Bonk, as also concerning the further entries which Haselkamp maintains ought not to have come to his charge, so that Their High Nobilities might be able to perceive therefrom how this affair is situated in every respect; and in order to perform and carry out this, it was further resolved to commission thereto the secretary of this assembly Willem Duijnevelt, and the trade transferrer Johannes Scheuneman, both being judged the most eligible because Extract from the Resolutions taken in the Council of Cormandel everything that was to be shown and demonstrated will have to be gathered from the secretarial and trade papers, for which purpose they both have the best opportunity, and to assign to them for assistance and facility in providing the necessary disclosures, the Curators of the estate of the said Haselkamp, the Junior Merchant Fredrik Willem Bloeme, and Bookkeeper Dirk Buijs /:below was written:/ agreed /:was signed:/ Wm Duijnevelt sec. Agreed J Duijnevelt 162 Folio 6. Letter E. To The Honourable, Valiant Sir Pieter Isaksteen Extraordinary Councillor of Dutch India, as also Governor and Director of this Coast of Cormandel with the Dependencies thereof, together with the Council. — Nagapatnam Honourable, Valiant Sir, and Gentlemen Having been ordered by Your Honours pursuant to the resolution taken in the session of the 2nd of June last past, to investigate, and to supply Your Honours with what is necessary, as to how far the request made and the claim formulated by the former secretary and Cashier here Johannes Haselkamp, in a Petition presented by him to Their High Nobilities the Noble High Indies Government at Batavia, for the recovery of Rijxds 22196: 20:: which was placed to his account and alleged to have been paid out of his assets by the Curators appointed to his estate, is to be credited and is well-founded, we have the honour to serve Your Honours in all respect with a report of our proceedings in that regard. And in order to do this in order and, so far as is possible for us, in the most intelligible manner, we repeat his aforementioned request made, that to him be restored the said amount of Rijxds 22196: 20:, which the deceased Merchant, trade bookkeeper, and First Warehouse Master Anthonij Bonk, the deceased Cashiers Jan Martensz, Paulus Looman, and Francois Crucius, together with some Farmers of the Company's Domains of this city, had fallen in arrears for, but which, as aforesaid, was paid out of his assets, adding as proof thereof the Current Account closed by the said Curators under date of 22 August 1767, and says that the first, second, third, and fourth entries mentioned on the debit side of that Account, to the sum of pag: 913: 16: 10, were wrongly paid out of the vendue monies of the widow Crucius for the account of her deceased Father Anthonij Bonk, and expatiates at length upon the incompetence of that payment, because, he says, those vendue monies were already accounted for in his Cash book, and thus accepted in reduction of the debit of Francois Crucius to the petty Cash. —
Dutch transcription
160 Lra C En dewijl den Onder Hooffman en geweesen secretaris en Cassieer ten VwE: hoofdcomptoir Johannes Haselkamp sig bij Request aan ons g'adbresseerd heeft ten Erlanging van Restitutie van bo„ verse Costen, waarmeede volgens zijne ovegave desselvs Reeke„ ning oneijgen zoude belast zijn, te saamen bedraagende een somma van Rijxd=s 22196: 20:—, soo hebben wij alvoorens daar over ten finaale te disponeeren goedgevonden, het voorsz: Request met de daar beneevens overgelegde bijlagen VME: in Copia toe„ te schokken, gelijk bij deesen geschied, met ordre, om accuraat te laaten nagaan, en de Regeering soo spoedig mogelijk van bewigs te dienen, hoe het eijgentlijk, met alle de posten bij gedagte Re„ quest vermeld geleegen; en en hoeverve sijne daar bij gemaakte pre„ tentien te accredeteeren sijn, ten eijnde wij instaat mogen gesteld werden om met zeeerheijd en gerustheijd daar of „na billijkheijd te konnen disfoneeren, moetende in allen gevalle Desselvs Reekening gedebiteerd worden, voor het bedraagen der twee zoldij Reekeningen waar van een al„ meede overgaand berigt van 't opperhoofd over het generaale zoldij Comptoir gewraagd, als bereeds door den verdiender in Extract uijt een missiive door haar hoog Edelens de Edele hooge Indiase Regeering te Batavia naar Cor„ mandel Geschreeven, in dato 30. de„ cember Anno 1768. a=o Anno 1749. naar Nederland geremitteerd. /:onderstond:/ accor deerd /:was geteekend./ Wm. Duijnevelt sec= Accordeerd. — H Ruijnevat 161 L=ra D: Vrijdag Den 2. ' Iunij Anno 1769. — Ten belange van het door Haselkamp geformeerde pretentie en het ingebragte door denselven ten doen eijnde, is verstaan of nieuw alles nader, en met de uijtterste exactitude te doen nagaan, en bij een berigt vertoonen de gesteldheijd, waar in de onder zijn administratie en verandwoording geweest zijnde kleene Cassa bij gedaane ofneeming bevoonden is, en hoedanig en met welke penningen al het te kort bevondene daar bij ver„ erend geworden is, met het geene verder gedemenstreerd diens te werden, en de reeden waarom uijt de penningen den boedel van de webuwre Crucius toebehoorende eenige belastingen ten behoeve van haaren overleeden Vader, den Coopman negotoeboek„ houder en eerste Pakhuijsmeester Anthonyj Bonk betaald zijn, soo ook omtrend de verdere posten welke gaselkams sustineerd niet ten zijnen laste hadde moeten koomen, of dat haar hoog Edelens daar uijt zoude kunnen beschou„ wen, hoedanig moesomtlijk met die affaire gesteld zij, en om zulx te verrigten en natekomen, wierd alverder verstaan daar toe te Committeeren den secretaris deeser vergadening Willem Duijnevoet, en den negolie overdrager Iohannes Scheuneman, als bijde de eligibelste geoordeeld zijnde, uijt hoofde Extract uijt de Resolutien Ge„ nomen in Raade van Cormandel alles 00 op alles wat te vertoonen en te demonstreeren was, uijt de secretarieele en negotie papieren sullen moeten bij een gebragt weerden, waar toe zij bijde er de beste geleegendheijd tw heb„ ben, en haar tot hulp in faciliteijt in het geeven van de na„ dige Ouvertuure toetevoegen, de Curatooren in den boedel van gedagte Saselham den Onderkoopman Fredrik Willem Bloeme, en Boekhouder Dirk Buijs /:onderstond:/ accor„ deerde /:was geteekend:/ W=m Duijnevelt secs Accordeert J Guijnevelt 162 fa 6. L=a E. Pieter Isaksteen Raad Extra Ordinoir van Nederlands India, mitsg=s Gouverneur en directeur deeser Ruste Cormandel met Den Resorte van dien, neevens den Raad. — Aan Den Wel Edelen Gestrengen Heer Nagapatnam Wel Edele Gestrengen Heer, en Heeren Door uwel Edele Gestrengen ingevolge genoomen besluijt ter sessie van den 2:' Junij J=o leeden, gelast zijnde, te Onder„ soeken, en uwel Edele Gestr: het noodige te suppediteeren, hoe verre te accrediteeren is, en gefondeerd zij, het aangelegd ver„ soek, en de geformeerde pretentie door den geweesen secreta„ ns en Cassier alhier Iohannes Haselkamp, by een door hem aan Haar Hoog Edelens de Edele Hooge Indiase Re„ geeving te Batavia gepresenteerd Request, ter te rug er„ langing. accor Tot langing van Rijxd=s 22196: 20:: die hem of reekening ge„ steld, en door de in zijnen boedel aangestelde Curatoren uijt zijne moddelen betaald zoude weesen, hebben wy de Eere van onse verrigting daaromtrent uwel Edele Gestr: in alle Eer„ bied te dienen van berrigt En om zulx in ordre en soo veel ons mogelijk zij, of de ver„ staanbaarste wijse te doen, herhalen wij desselvs voormeld aangelegd versoek, dat aan hem gerestitueerd woerde het ge„ segd bedragen van Rijxd=s 22196. 20. , dewelke den Overleedene Coopman, negotieboekhouder en Eerste Pakhuijsmeester Anthonij Bank, de aflijvige Cassoers Ian Martensz: Paulus Looman, en Francois Crucius, beneeveens eenige Pagters van sComp=s Domeijnen deeser steede, te quaad waa„ ren gebleeven, dog gelijk voorsegd, uijt sijne middelen be„ taald zijn geworden, voegende teen bewijse van dien, daar bij de Reekening Courant door gemelde Curatoren onder dato 22:' aug=s 1767: geslooten, en segd, dat de eerste, tweede, den„ de, een vierder post der debet zijde van die Reekening ver„ meld, ter somma van pag: 913. 16: 10. , ten Oorregten uijt de Vendufenningen van de weduwe Crucous voor reekening van haaren overleedene Vader Anthonij Bonk betaald zijn, en breijd zig in het breede uijt, over de Onbevoegd heijd doer betaling, dewijl zegd hij, die vendugelden beijeerds bij sijn Cassaboek verandwoord, en dus inmindering van het debet van Francois Crucius aan de kleene Cassa onge„ nomen. —
English
had taken. But in refutation of that statement and in order to bring the matter in the clearest manner and in accordance with the truth into the light and before the eyes of Your Right Honorable, it should beforehand be noted in passing that Haselkamp signed the transfer of the petty cash from his predecessor Crucius without making any the least exception (which was subsequently confessed by him again), see copy of transfer under Letter F accompanying this, annexed to the order of transfer dated the first of August 1763. Thus it is incontestable that he became, and remained, fully accountable for the debit of the said Crucius, as being a debt which he effectively took over, and furthermore provided for and covered himself with a bond drawn directly upon him, without any the least consideration regarding this being in his favor. Likewise not what was further advanced by him, namely that he, in the capacity of vendue master, having sold various goods of the deceased Crucius by order of his commander, had taken in the proceeds thereof as a consequence of the order received from his superior commander, to the benefit of Crucius or actually of his debit to the Honorable Company, adding for greater clarity that those monies were thus accounted for, since a vendue master was after all immediately liable for the vendue proceeds after the sale. For how much this departs from the truth is very easily deduced from the vendue roll itself kept for the aforementioned sold goods on the 24th of May 1765, and continued on the 25th and 28th of that month, in which it was mentioned that the sale was held and occurred at the request and for the account of the widow Crucius; thus it was her monies that arose from it, and it can even less be reconciled with the truth that those monies could have been taken in and accounted for by order of the commander to the benefit of Crucius's debit, for Van Teijlingen was already out of authority when those goods were sold, thus a day or three before his departure, and he could even less have received that order from the present Lord Governor, since His Honor was not yet acquainted with the actual state of the cash, aside and apart from the fact that those monies were only due to come in after 2 to 3, and sometimes more months, as the difficulty one has here regarding the collection of vendue monies is very common and therefore not an unknown matter. But the most important of all is that Haselkamp cannot show by any paper that he took in the proceeds of the aforementioned auctioned goods for the account or in reduction of Crucius's debit and accounted for it to the Honorable Company, for the vendue roll, which was not even signed by him, nor closed, mentions nothing of it, much less can he produce an order from the commander qualifying him to take in that money, considering that nothing may be traded, taken in or paid out from the cash boxes without an order beforehand having been granted by the Lord Governor. That taking in could also not have been done by him then, since shortly thereafter, or two months and a few days after that held auction, he was placed under arrest, at which time the cash and specification book was even several months in arrears; thus, if the taking in and accounting for of those monies, as was alleged, had taken place, it must have appeared from the bond chargeable to Crucius resting under Haselkamp, or else from the small ledger which the cashier keeps for his calculation and accounting, the remainder of which, excepting the monies running as a memorandum, must always agree with the cash book of the Honorable Company; but neither the one nor the other, since those monies were first collected by the curators and credited to Haselkamp's account. Suppose for a moment that those monies had been taken in without any the least deduction to the benefit of Crucius's debit to Haselkamp, then the aforementioned four items, about which Haselkamp complains that they were improperly paid out of his means, would nevertheless have had to be satisfied out of the amount subsequently received from a bill of exchange dated 10th of December 1767 to the amount of ƒ 6938:11:— from the estate of the Right Honorable Baron Van Eck, remitted from Colombo hither for the benefit of Boink his heir, the aforementioned widow Crucius, and paid out here to the curators solely with the deduction of the 8 percent agio, as being remitted in new pagodas, as well as transferred by her back into the Company's great cash box in reduction of Haselkamp's debit to the petty cash; thus it was indeed the same from which of those two amounts, whether from the auction or from the bill of exchange, the aforementioned 4 items of Pagodas 913. 16. 70 were deducted, as both being monies that arose directly out of Boink his estate, and by his decease devolved upon his daughter and sole heir intestate; for otherwise no means, neither of Crucius nor of his surviving widow, were known here locally other than those she inherited from Boink; consequently, the same was and remained the nearest source out of which the Honorable Company could and had to be paid and indemnified on account of various charges that presented themselves against his estate after the decease of Boink; for it is incontestable that whoever acts as heir must also satisfy the debts of the deceased.
Dutch transcription
163 nomen had. Dog tot wederlegging van dat gesegde en om de zaak of het duij„ delijkste en naar waarheijd in het ligt, en onder het oog van uwel Edele Gestr: te brengen, diend hier voor af in het voorbij gaan genoteerd te werden, dat slaselkamp het transport van de kleene Cassa van sijn aantecesseur Crucius sonder eenige de„ minste exceptie te maken /:het geen door hem in het vervolg weerd geconfesseerd:/ heeft geteekend, vede Copia transport sub L=ra F: deesen accompagneerende, annex Ordonnantie van overschrijving de dato primo aug=s 1763. dus is het onbe„ tanstbaaer, dat hij voor het debet van gedagte Crucues in het geheel rederabel is geworden, en bleef, als zijnde een schuld, die hij Reel overgenoomen, en daar booven sig voor„ sien, en gedekt heeft, met een obligatie direct of hem luij„ dende sonder dat eenig het minst reguard dien aangaan„ de in zijn fareur Komt Gelijk ook noet, het verder geadvanceerde door hem, als dat hij in qualiteijt van vendumeester of Ordre van sijn gebie„ der diverse goederen van den Overleedene Crucous verkogt hebbende, het provenu daar van als een gevolg van het be„ komene bevel van sijne oppergebieder ingenoomen had, ten voordeele van Crucous of eijgentlijk van desselvs debet= aan D' E: Comp=e er tot meerder kloom bij voegende, dat die geldens dus verandwoord waaren, uijt hoorde een vendumeester tog inmediaat na den verkoop voor de vanduppenningen aan ld aanspreekelijk was. — Want hoe zeer zulx van de waarheijd afwrijkt, is zeer ligt te deroreeren uijt de vendurol selver door voormelde verkogte goederen gehouden op den 24:' Meij 1765, en vervolgt op den 25. en 28.:' dier maand, waar bij gemeld werd dat den verkoop gehouden en geschied was, of versoek en voorreekening van de weduwe Cruceus dus waaren het haare penningen, die er van voortgekoomen zijn, en het kan nog moender met de waarheijds overeengebragt werden, dat die gelden ter br„ dre van den gebieder ten voordeele van Crucius debet hadg de konnen ingenoomen en verantwoord werden, waat Van Teijlingen was reeds uijt het gesag doen die goederen verkogt zijn, dus een dag of drie voor sijn ausuge, en hij kom nog minder dat bevel van den presenten Heer Gouver„ neur ontfangen hebben, uijthoofde zijn Edele „ de weesend„ lijke gesteldheijd van de Cas nog niet bekend was buijten en behalven die penningen eerst na 2. â 3, en somtijds meer maanden stonden inte koomen, alsoo het seer vulgair en dus geen Onbekende zaak is, de moeijte die men hier heeft, omtrend het infalmen van vendupenningen dog het voornaamste van allen is, dat Haselkamp bij geen papoier aantoomen kan, dat hij het provnu der voor„ melde gevenduceerde goederen voor reekening of in monde„ ring van Cruçaus debet ingenoomen, en aan d' E: Comp=e verandwoord heeft, waent de venburol die door hem niet eens. 164 eens geteekend, nog afgeslooten is, melder niets van veel minder een Ordonnantie van den Gebieder die hem tot de inneeming van dat geld qualificeerd, produceeren kan, gemrerkt niets bij de geld Cassas verhandelt, inge„ noomen of uijtgegeeven mag werden, sonder voor af een or„ donnantie van den heer Gouverneur verleend te weesen; Die inneeming konde toen door hem ook niet geschied zijn, vermils hij kort daar of, of tweemaanden, en — eenige daagen na die gehoudene vendutie, in arrest ge„ raakt, wanneer het Cassa en specificatie boek selfs eenige, maanden ten agteren geweest is, dus zoude, indien de inneeming en verandwoording van die benningen, gelijk voor gegeeven weerd plaats gehad hadde bij de obligatie ten laste van Crucous onder Haselkamp berust hebbende, dan wel bij het Lange boekse dat den Cassier toor zijner speculatie en verantwoording houd, welkers Restant, uijtgenomen de per memorie loopende gelden alshoos met het Cassaboek der E: Comp=e accordeeren moet, hebben moeten blijken; maar nog het een, nog het ander, de„ wijl die penningen eerst door de Curatoren zijn ingevordert en ten goede van Haselkamps Reekening gebragt; Men steld eens dat die penningen sonder eenige de minste af„ korting ten voordeele van Crucous debet aan Haselkam ver„ waaren ingenoomen, daen zoude de voorsz: vier posten waar ovor Htaselkamp doleerd dat oneijgentlijk uijt sijne middelen betaald zoude zijn, tog hebben moeten voldaan zijn ligt n air voor zijn geworden, uijt het zeedert ingekoomen bedraagen eenen wissel gedateerd 10:' December 1767. ten emporte van ƒ 6938:11:—: uijt den boedel van den wel Edelen Gestrengen Heer Baron Van Eck, van Colombo dit heen ten behoeve van Bonk. sijn Erfgenaame, de voorsz: weduwe Cruceus overgemaakt en alhier aan de Curatoren, alleen met de afkorting van het 8. per cento overgeld, als zijnde in nieuwe fagooden over„ gemaakt, uijtgekeerd, mitsgaders door haar weeder in sloomp=s groote geld Cassa in moordering van Hasel Raampo Debet aan de kleene Cassa overgebragt, dus was het om„ mers het selfde, van welke dier beijde bedragens, of van de vendutie, dan wel van de wissel, de voorsz: 4 posten van Pagooden 913. 16. 70. wierden gedecourteerd, als beijde gelden zijnde, direct uijt bank zijn boedel voortgekoo„ men, en mits zijn Overlijden of zijn dogter en eenigste Erfgenaame abjntestato gedevolveerd, waart anders zijn er geen middelen nog van Crucous, nog van zijn nagelate„ ne weduwe hier ter plaatse bekend geweest, dan die zij van Boink g'erft heeft gevolgelijk was en bleef deselve dan ook de naaste waar uijt d'E: Comp=e konde en moeste betaald en schadeloos gesteld worden, wegens diverse belastingen die na de aflijvigheijd van Bonk ten zijnen luste zog hebben opgedaan; naart het is incontostabel dat die zig als Erfgenaame gebraagt, onk de schulden van den Over„ leedene moet voldoen. —. —. Ten.
English
165 - - - - - - - - - - „ 413. 18. 30. In continuation of this, we shall now demonstrate which entries these are that, in the manner aforesaid, had to be paid at the expense of Bonk; namely The first entry amounts to pagodas 60. 15. 10. And has its origin in the payment imputed to the named Bonk for 12 metal weights, in conformity with the resolution of this Government dated 2 July 1765, of which the extract is annexed hereto under Letter G, on the grounds that those weights had already been missing for a long time, namely when Bonk was second warehouse master, and were therefore placed on record under the responsibility of Bonk, who was first warehouse master at that time and as such also signed that transfer for co-responsibility, at the time of the transfer by the second warehouse master Lovenaar to his replacement De Bordes, dated 8 January 1761, see annex Letter H. The Second Entry of pagodas 113. 18. 60. Arose from the known imposed compensation by their High Noble Excellencies, in conformity with their own revered Resolution of 30 August 1764 under Letter I, on account of the reduced yield of 38¼ percent on various accepted and dispatched unrequisitioned linens, to the number of Carried forward . . - - . . - . - - Pag: 174. 9. 70. Brought forward . . . . . . - Pag: 174. 9. 70. 166 packs, and amounting to ƒ 41683. 14. 8, which was charged to this place by invoice of debit dated Batavia 24 September 1764, see Letter K, to be reimbursed into the treasury by the Governor and Council; thus Bonk had to participate for his share in the aforementioned amount, as these were cloths that were sent with the ships De Vrouwe Geertruijda, Nieuw Nieuwenkerk, and Borsselen in the year 1763, the year in which he died, as can be seen in the cash book of August 1765; thus that amount could be paid from no other funds than from the auction proceeds of the heirs of Bonk, but of which again, in the following year upon the demonstration made from here, 13¾ percent was recognized, and thus, according to a further distribution made thereof in conformity with the decisions of 5 and 12 June 1766, see annexes Letter L, as well as the cash book of June and page 195 of the Journal 1766, there was again paid out Pagodas 297: 7: 60; consequently, no more was paid by the heirs of Bonk toward that assessment than Pagodas Carried forward . . - - - - Pag: 174: 9: 70: 166 Brought forward . . . . . Pag: 174. 9. 70. 116. 10. 50, and the aforementioned paid-out amount was again counted by her among others to the curators, and credited by the same Haselkamp in the account of the last of April 1768, see Letter M. The Third entry of - - - - „ 617. —. —. Is the loss incurred on the bulk costing of a quantity of 41280 lb of old Persian copperworks, which, upon the transfer made by Bonk as second warehouse master to his successor Fredrik Jan Lovenaar, were left to his account on account of the dispute arisen between the two of them regarding their acceptance, and thus they remained lying until the year 1765, when, by the revered order of Their High Noble Excellencies contained in their esteemed missive of 18 March of the said year, according to the extract accompanying this under Letter N, stating that all merchandise that had been lying in remnant for many years should be sold for the prevailing price, and whatever fell below the fixed percentages would have to be compensated by the warehouse Carried forward . . . pag: 791: 9. 70. Brought forward . . . - - Pag:s 791. 9. 70. masters etc., just as, in conformity with the resulting decision of this Government of 2 July of the said year, see Letter O, those copperworks were liquidated on 25 September following, according to the separate return received thereof, Letter R: R:, the loss thereon was approved, by a later decision of this Government of 25 October 1765 under Letter P, to be paid by the heirs of Bonk. And whereas the aforementioned copperworks, as aforesaid, lay for the account of Bonk, and he alone also had the responsibility for them, in conformity with the agreement between him and his former second warehouse master Lovenaar, the head administrator of that time and the following could do nothing in that regard before and until the entire lot had been weighed out, whether upon dispatch or sale, etc. Regarding now the Fourth entry of - - - - „ 122. 7. —. The same likewise originates from a compensation imposed by Carried forward . . . - - - - Pag: 913. 16. 70. 167 Brought forward - - . pag: 913. 16. 70. the Noble High Indian Government upon the former Governor and the members of the Political Council, not only on account of the lesser value of 60 percent of the 480 pieces of Cambay coarse red fabrics sold at Batavia by auction, sent from here in the year 1759 by the ship D' Eendragt, but also the shortfalls in counts, lengths, and widths found upon remeasurement at the said Indian capital compared to what was invoiced, of various linens, all delivered by the merchants here in the year 1763, also sent from here by the ships Borsselen, Sloterdijk, and Kievitsheuvel, which was charged to this place by invoices of 1 February, 31 May, and 18 June 1764, mentioned under Letter Q, for payment by the collectors thereof, but placed to the account of the merchants by the former Governor Van Teijlingen and the second David Coenraad Vick, but subsequently, pursuant to the resolution adopted in the Council of Coromandel on 10 July 1765, Carried forward . . - - pag: 913. 16. 70.
Dutch transcription
165 - - - - - - - - - - „ 413. 18. 30. Ten vervolge deeses zullen wij nu aantoonen, welde posten die zijn, die invoegen voorsz: ten losten van Bonk hebben moeten betaalt werden; te weeten D' eerste post importeerd En heeft zijn source uijt de genoemde Bonk g'impu„ teerde betaaling van 12. p=s metaale gewigten Conform resolutie deeser Regeering van den 2. ' Julij 1765, waar van het Extract deesen onder L=a G: bijgevoegd is, of fondament die gewigten al voor langen tijd, en wel, wanneer Bank tweede pakhuijsmeester was, te zoek zijn gebragt geworden, en daarom bij het transport door den tweede pakhuijsmeester Lore naar aan zijn vervanger De Bordes, de dato 8. Ja„ nuarij 1761. onder verantwoording van Bonk, die te dier tijd eerste pakhuijsmeester was, en als so„ danig dat transport voor de meede verantwoor„ ding ook geteekend heeft, bekend zijn gesteld ge„ worden vide bijlaag L=ra H: De Tweede Post van - . - Is voortgesprooten uijt de bekende ovgelegde vergoe„ ding door haar hoog Edelens, Conforem Hoogstder sel„ ver gevenereerde Resolutie van den 30:' aug=s 1764. sub L=a I:; weegens het minder rendement van 38¼ per Cento of diverse aangenoomene en ver„ sondene ongeEijschte Lijwaaten, ten getalle van pag: 60. 15. 10. 166. Transporteere. . - - . . - . - - Pag: 174. 9. 70. . . . . . - -.- Per Transport. . . . . . - Pag: 174. 9. 70. 166. packen, en importeerende ƒ 41683. 14. 8. dat bij factuur van aanreekening ged:t Batavia 24: ' 7ber 1764. vide L=a K:, dit hoen ten laste gebragt is, om door den gouverneur en Raad in Cassa gerembour„ seerd te werden, dus Bonk voor zijn aandeel het voormelde bedraagen daar in heeft moeten particopeeren, dewijl 't doeken zijn, die met de scheepen De vrouwe Geortruijda, Nieuw nieuwen, Kerk en Bordselen in anno 1763. het Jaar waar in hij overleeden is, versonden waaren, te sien bij het Cassaboek van augustus 1765. , dus konde dat bedraagen uijt geen andere gelden dan uijt de vendupenningen van de Erfgenaame van Bonk betaald werden, dog waar van weeder of het Jaar daar aan of de van hier gedane demon„ stratie 13¾ ten honderd gevalideerd is, en dus heeft men volgens eene daar van gemaakte na„ dere verdeeling Conform de besluijten van den 5: en 12. ' Iunij 1766. , Vide bijlaagen L=ra L:; soo mee„ de het Cassaboek van Junij en pagina 195. van het Journaal 1766. , weeder uijtgekeerd R o/ 297:7: 60: over zulx is door de Erfgenaamen van Bonk in die belasting noet meer betaald dan Pagoo den Transporteere. . - - - - Pag: 174: 9: 70: 166 Per Transport. . . . . Rag: 474. 9. 70. den 116. 10. 50, en het voormelde uijtgekeerde mon„ tant heeft zij weeder onder meerdere aan de Cura„ toren geteld, en door deselve Haselkamp ten goede gebragt bij de reecquening van ult=o april 1768. vide L=ra M: De Derde post van - Is het gevallene verlies op het uijthoops kostende van een quantiteijt van 41280. lb: oud kopper wer„ ken persiaans, die bij het doen van transport door Bonk als tweede Pakhuijsmeester aan sijn successeur Fredrik Ian Loovenaar voor sijn Reekening gelaaten- sijn, uijt hoofde van het disput tussen haar beijde ontstaan, weegens dies overneem, en dus zijn deselve blijven leggen op tot in den Jaare 1765:, wanneer „ de gerenereerde Ordre van Haar Hoog Edelens vervat bij hoogst„ derselver g'agte missive van den 18. maart des gemelden Jaars volgens het Extract deesen onder L=ra N:o versellende, inhoudende dat alle de seedert lange Jaaren per Restant- geleegen hebbende Coopmanschappen voor het geldende ver„ kogt zullen werden, en al wat beneeden de be„ paalde per Centos quamen te haalen door de pak„ Transporteere. . . . pag: 791: 9. 70. -. - - - „ 317. — huijs 9. 70. 9: 70: Per Transport. . . - - Pag:s 791. 9. 70. huijsmeesters etc=a vergoed zoude moeten werden gelijk Conform het daar uijt voortgevloeijd besluijt deeser Regeering van den 2. ' Iulij des gemelde Jaars vide L=a O: die koper werken op den 25.' september daar aan, ten gelde gemaakt zijnde, volgens daar van ingekoomene apart Rende„ ment L=a R: R:, het verloorene daar of bij la„ tere besluijt deeser Regeering van den 25. 8ber: 1765. sub L=ra P: goedgevonden is, door de Erfge„ naame van Bonk, te doen betaalen En dewrije voormelde koperwerken gelijk voor segd voor Reekening van Bonk hebben ge„ leegen, en ook er alleen de verantwoording van gehad heeft, Conform de Conventie tus„ sen hem en sijnen geweesen tweede pakhuijs„ meester Lovenaar, soo heeft deen hoofdafmi„ nistrateur van die tijd en de volgende, daar omtrent niets konnen verrigten voor en al eer de gantsche Parthij het zij bij versen ding of verkoop etc:a uijtgewoogen was ge„ worden Belangende nu de Vierde post van - - - - „ 122. 7. —. Deselve is almeede voortkomstig uijt een door de Transporteere. . . - - - - Pag: 913. 16. 70. 167 Per Transport - - . pag: 13. 16: 8. de Edele Hooge Indiase Regeering ofgelegde vergoeding van den Geweesen Gouverneur en de Leeden van den Politicquen Raad, net alleen, weegens de mindere waarde van 60. per Centos van de te Batavia per vendutie verkogte 480 p=s Cambaijen Ruwe Roode, in den Jaare 1759. per het schip D' Eenbragt van hier versonden, maar ook de ter gemel„ de Indiase Hoofdplaatse bij nameetong minder bevondene dan aangeschreevene Caa„ len, lengte, en broete, van diverse Lijwaaten, alle door de Cooplieden alhier geleeverd in An„ no 1763, por de scheepen Borsselen Sloter„ lijk en kieritsheurel meede van hier versonden, het welk bij factuuren van den 1.:' febr:, 31. ' Meij, en 18. Iunij 1764. onder L=ra G: vermeld, dit heen aangereekend ter voldoening door dies Insaamelaars, dog door den Geweesen Gouverneur Van Teij„ lingen en den secunde David Coenraad Vick of reecq: der kooplieden gesteld, maar naderhand ingevolge het geresalveerde in Raade van Cormandel op den 10. ' Iulij 1765. Transporteere. . - - pag: 913. 16. 70. 9. 70. 16 16. 70.
English
Brought forward 1765. under Letter R: the account of those traders was discharged thereof in return, in conformity with the warrant of the last of that same month, and page 183 of the Journal, the aforementioned share of Bonk that was paid by his daughter out of her father's monies having consisted, according to the terms of a receipt Letter S, of the following, namely: On account of the lesser value of 60 pieces percent of the aforementioned Cambays, Pagodas 10: 5: 20: And the lesser quality, length, and width, Pagodas 112: 1: 60: Together as above, Pagodas 122: 7:—: Thus the aforementioned four traded entries amount, as said, to Pagodas 913: 16: 70: However, whereon, as is rectified hereafter, there have been refunded Pagodas 297: 7: 60: Consequently, these four entries charged to Bank amount to only Pagodas 616: 9: 10: from all of which it is then very clearly evident what the true course was of the charges that fell to Boonk, and consequently had to be paid out of his estate, of which his daughter had possession, all the more so since all those compensations were settled after his death, and particularly the positive order that it should be paid by the Governor and Council was only given in the year 1765 by Their High Noble's renewed dispatch of 18 March, regarding which it is still to be noted that when all the decisions cited here before were taken in the Council of Coromandel, Haselkamp was still a member of the Council, and served the assembly as secretary until 3 August of that year, consequently drafting the Resolutions thereof; surely it had then been his duty to give notice that the auction proceeds of the widow Crucius had been accounted for by him, wherefore the pretext that he was innocent thereof, or ignorant of it, and that those monies were paid without even hearing him, and that out of his funds, is merely feigned, and thus all his objections and demonstrations in this regard fall away, and proceeding from there, he has attempted to gain possession of monies that are not due to him. Concerning the tenth entry on the debit side of that account, or the 100 pagodas paid out of his estate, we refer with great respect to the decisions taken in that regard by the Government here on 28 February and 27 March 1766, both accompanying this in extract under Letter T, from which the reasons can be clearly traced that served as the basis for the Resolution, as Haselkamp was the last to take over the treasury without making any exception whatsoever regarding the 150 pagodas entered pro memoria under several items in the name of the farmers, nor making any inquiry in that regard as to whether there was indeed a warrant or any other proof thereof; all the more so since that entry for many years past, or since the term of the cashier Ian Martensz until the last of January 1768 under the cashier Paulus Looman, had been recorded as only 50 pagodas, but from the last-mentioned time was increased by 100 pagodas without anyone having been able to fathom the cause thereof, nor was there anyone who could shed any light or elucidation upon it, much less Haselkamp himself, who on the orders of this Government was expressly questioned and interviewed about this by the First Clerk, but was unable to provide any information in this regard. As is found set forth at length in the aforesaid Resolution of 27 March, his assertion consequently falls away that the payment thereof was imputed to him without a hearing, thus without his knowledge; surely he cannot be ignorant of the fact that anyone who receives something must also inspect what he takes over, in order always to be able to render an account, for it is indeed very well known that an administrator in the Company's service, however minor his accountability may be, may take over, receive, or deliver nothing without being provided with a warrant; thus he can blame no one other than his own negligence and good faith that he had to pay that money. Concerning his further grievance that 7500 pagodas were paid out of his furniture in the 13th, 28th, and 31st entries of the aforesaid account, in which respect he demonstrates at length the deficit of Pagodas 12500: 13: 30 by the cashier Paulus Looman upon his death, and of Pagodas 9658 by Crucius upon transferring the cash to him, Haselkamp, and further expounds upon the increase thereby of his debit to the treasury to Pagodas 22158: 18: 30, demonstrating that this had been the source of his arrest and ruin, and reserving his recourse against the ministry here, further alleging that since neither Crucius nor he had signed for the aforesaid deficient Pagodas 12500: 13: 30, they were also not liable for it, much less should they have been debited for it in a covert manner in the trade books; furthermore, that he had received no more than Pagodas 10008: 23: 26 for Looman's debit and had also accounted for it, as appears in the proceedings
Dutch transcription
Per Transport 1765. sub L=a R: de Reekening dier handelaars daor voor weeder ontheft is, Conform ordonnantie van ultimo dier selve maand, en pagina 183. van het Journaal, hebbende het voormelde aandeel van Bonk dat door zijn Dogter uijt haar vaders gelden betaald is na luijd, eener quitantie L=ra S: bestaan in het volgende teweeten: Weegens de mindere waarde van 60. p=s Cento van de hier vooren vermelde Cambaaijen pr/o 10: 5: 20: En de mindere Caalen lengte en breete „ 112: 1: 60: Te saamen als booven pa/o 122: 7:—: Bedraagende dus de voormelde vier verhandelde . . . - Pag: 913: 16: 70: posten gelijk gesegd Dog waar ovr gelijk voorwaards gerigtiteerd staat gerestitueerd zijn - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 297: 7. 60. Over sulx emporteere deese vier posten ten laste van Bank maar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Pag: 616:9: 10: uijt allen het welke dan soer duijdelijk Consteerd de wesentlijke Cource van de belastingen die Boonk te beurt gevallen zijn, en gevolgelijk uijt zijn boedel waar van desselvs Dogter de fossie hadde, hebben moeten betaalt werden, te meer alle die vergoedingen na sijn overlijden gereguleert zijn, en wel insonderheijd de positere 913: 16. 70. Ordre - Pag: -- 168 Ordre dat door den gouverneur en Raad betaald zoude moeten werden eerst in den Jaare 1765. bij haar hoog Edelens gerene„ reerde missive van den 18. ' maart gegeeven is, waarom„ trent nog te remarqueeren valt, dat wanneer alle de hier vooren aangehaalde besluijten in Raade van Cormandel geno„ men zijn, Haselhamp nog lid van den raad geweest :s, en tot den 3:' aug=s van dat Jaar als secretaris de vergadering bediend, gevolgelijk de Resolutien daar van geconcipieerd heeft, immers was toen zijn pligt geweest om kennis„ so te geeven, dat de vendupenningen van de weduwe Cru„ cius bij hem verantwoord waaren, oversulx is het voorgee„ ven dat hij daaromtrend innocent, of daar van Igno vant was, en sonder hem eens te hooren, die gelden betaald waa„ ren en dat nog wel uijt zijne moddelen, maar gefingeerd„ en vervalt dus alle zijne teegenwerpingen en de monstra„ tien dienaangaande, en daar of voortgaande getragt heeft, magtig te werden, penningen, die hem niet Competeeren. —. Betreffende de thiende Post van de Debet zijde dier ree„ kening, of de uijt zijn boedel betaalde 100. pagooden referee„ ren wij ons met veel Eerbied aan het dien aangaande ge„ vallene besluijten bij de Regeering alhier van den 28. ' fe„ bruarij en 27. ' maart 1766. , beijde in Extract deesen Onder &=ra T: Versellende, waar bij duijdelijk nategaan zijn, de Reedemear, welke gediend hebben tot den Grondslag van de. 16. 70. 12 de Resolutie, om gaselkamp als de laaste overneemen van de Cassa zijnde, zonder eenige de minste exceptie te ma„ ken, omtrent de Onder meerdere per memorie op de naam van de landbouwers loopende pagoodeen 150. , nog dien aan„ gaande eenige recherge te doen, of er wel een Ordonnan¬ tie, dan wel eenige andere bewijs van is; te meer die post van lange Jaaren aff, of seedert het Cassoerschap van den Cassier Ian Martensz tot ult=o Januarij 1768. Onder den Casseer Paulus Looman met maar 50. pagooden bekend gestaan heeft, dog van laastgemelde tijd af met 100. pagooden veroneerdeerd is soonder dat men de Oorsaak daar van heeft konnen doorgronden nog iemand was die er eenig logt of Olucodatie van heeft kunnen geeven veel minder Haselkamp selve, die daar over op ordre deeser Regeering door den Eerste Clercq enpres afgevraagd en Onderhouden, dog moet in staat geweest is eenige Informatie dien aangaande te geeven. Gelijk bij voorsz: Resolutie van den 27. ' maart in het breede verhandeld word gevonden, gevolgelijk vervalt zijne positie dat hem, sonder verhoord te weerden, dus buijten sijn wee„ ten de betaaling daar van g'imputeerd is, hij kan immers niet ignoreeren dat iemand die iets ont„ fangt ook toesien moet, wat hij overneemd, om althoos in staat te kunnen sijn, weeder verantwoor„ ding te doen, want men weet Iommers seer wel dat 169 dat een administrateur in sComp=s dienst hoe gering sijn verantwoording ook is, niets overneemen, ontvangen of afgeeven mag zonder van een Ordonnantie voorzien te weesen dus kan hij nieemand anders, dan zijn eijgen versuijm en het goed vertrouwen, wijlen, dat hij dat geld heeft moeten betaalen. — Concerneerende zijn vorder doleantoe over dat uijt zijne meubelen 7500. fagooden betaald waaren bij de 13. 28. en 31. posten van de voorsz: Reekening vermeld, welke nd„ weegen hij in het breede aantoond de te kort kooming door den Cassier Paulus Looman van pagooden 12500. 13. 30. bij desselvs overlijden, en door Cruceus bij transporteering van de kas aan hem haselkamp van pag: 9658. , en bereijd zig verder uijt, over de vermeer„ dering daar door van zijn debet aan de Cas tot pa„ goodeen 22158: 18: 30:, met aanthooning dat dat de bronader geweest was van sijn arrest en ruime, en reserveering van zijn regres op het ministerium alhier allegueerende voorts dat nog Crucous, nog hij voor de voorsz: te kort gekoomene pag: 12500: 13: 30: Geteekend hebbende, daar voor ook niet aanspreekelijk waren veel min of een bedekte manier bij de negotieboeken daar voor hadde moeten belast werden; wijders dat hij voor Loomans debet niet meer dan pag: 10008: 23: 26: ontfangen en die ook veraandwoord had, gelijk zulx ten processe
English
lawsuit was proven, thus for the still missing pagodas 2491. 19. 4. he had been wrongly debited, and that furthermore it was no better situated with the debit of Crucius, citing what had occurred and been argued regarding the bond granted by Crucius to him, thus mixing up the debt of Looman and the debit of Crucius with each other; however, to have a correct idea and understanding thereof, it will be necessary to demonstrate each on its own. The debt of Paulus Looman amounted, according to the audit of 22 April 1762 marked U, serving at the same time as the transfer from the testamentary executors of his estate to the newly appointed Cashier Francois Crucius, to a sum of pag: 12258: 18: 60, for the settlement of which debit the following funds appear to have been employed, according to a small, unsigned note written by the clerk of the absconded Governor Christiaan van Teijlingen, named Philippus Franciscus Hafz, and integrated to Haselkamp, being known and produced at the lawsuit by Haselkamp, namely: Campie pag: 3929: — Vick 4500: Vendu monies 2594: Carried over Pag. 11023: — 170 Brought forward pag: 11023: — The servant 30. —. — Shroff 5. —. — Persian Writer Pag: 10. —. — Hseijnsz 81. —. — 560. — Solleret 500. — 11523. —. — Coenjang Wigmaker 38. —. — 300. —. — Naimoetoe 100. —. — 175. — pag: 179. —. — Together Pag: 12258. — From which it clearly appears that, that debt of Looman having been settled, the transfer thereof in the books or account of Haselkamp will have followed thereupon, conform to what is recorded on page 194 of the Journal of the year 1761, ergo not without his prior knowledge, for it is certain that that note, together with the greatest part of the monies, will have been delivered into his hands in order to collect the deficit to supplement that sum from the persons mentioned therein; or otherwise he would not have needed that note, and it would also not have remained in his possession; and if he did not receive all the funds mentioned therein, he can blame no one other than himself. He who was already charged for it should also have taken care to master the funds assigned to him; thus, by his silence, no exceptions remained, as he brought forward in the lawsuit, that of those monies a sum of pag: 1669: 18: 31, and now in the petition presented to their Right Honorables pag: 2491. 19. 1, turned out to be missing; which, if carelessness and inattention had not taken place in that regard, would immediately have been discovered at the very next audit of the Cash which followed the aforementioned transfer of Looman's debit, namely at the end of February 1765, as the large difference between the balance of the Cash Book and the monies remaining under his control must absolutely have been perceived then; yet it appears that, because their true magnitude was scattered far and wide without any notation, he was unable to perceive what was truly still missing, from where and from whom it still had to come in, for otherwise it is impossible that one would not have taken care to get it in properly, if negligence and carelessness were not the actual cause thereof, and the irregular transactions arising therefrom which took place regarding the said shortages; consequently, all the damages resulting therefrom had to redound upon him, as being the one from whom the accountability would be demanded. Upon examining the true state of Looman's debit to the Cash, many errors appeared in the audit of 22 April 1762, already cited above under letter U, because both among the pro memoria running funds and the cash found in actual existence, there were many considerable entries where new pagodas were substituted for old pagodas, as evidenced by two receipts granted to the executors of Looman, and accompanying these under letter V; for at the takeover, there is transferred, both in pro memoria running funds and cash, conform to the warrant of transfer letter G No. 9 issued on the Chief Administrator under date of the end of April 1762, together Pag: 15255: 1: 28. And according to the receipts, there were only handed over 15117: 17: 30. Thus received too much Pag: 138. 4. 70. From which must again be deducted the 20th penny or the Lord's right of the year 1761, for which Looman was indeed debited, but only under Crucius in the book-year 1763 by Haselkamp as Secretary of Justice. Carried forward Pag: 138. 4. 70.
Dutch transcription
processe beweesen was, dus voor de nog ontbreekende pa„ gooden 2491. 19. 4. ten onregten was belast geworden en dat voorts met de belasting van Crucous niet bester geleegen was, met aanhaaling van het geen ten ovrsogte van de verleende obligatie door Crucius aan hem, voorgevallen en g'erteerd was, mesleerende dus de schuld van Looman en het debet van Crucius onder malkandeeren, dog om daar een regt Ide en begraff van te hebben sal het noodsaakelijk sijn, oeder op zig selve aante toonen. De schuld van Paulus Looman bedroeg volgens den opneem van den 22. ' april 1762. geletteerd U:, dienende toffens tot transport van de testamentaire Executeurs in sijn boedel aan den nieuw aangestelden Cassier Francois Crucius een somma van pag: 12258: 18: 60:, tot vereffening van wol„ ken dobet scheijnt g'emploijeert te weesen de onder volgende penningen bij een kleen ongeteekende, en door den schrijver van den g'aufugeerden Gouverneur Christiaan van Teijlingen, in naame Philoppus Francoscus Hafz geschreevene mitsgaders aan gaselkamp g'intrageer„ de notitie bekend staande en door Haselkamp, ten broo„ cesse geproduceerd; teweeten Campie Vick Von dupenningen pag: 3929: — „ 4500: „ 2594: Transporteere - - - Pug. 1023. 170 Den dienaar Sacraf Persiaanse Schrijver Hseijnsz: - - - - - - - - - - _ _ Solleret Coenjang Pruijkemaaker - - - - - - - - - - - „ 38. —. —. Naimoetoe - - - - - - - - - - - - -- – – - - - „ 100. –. –„ 175. —. Tesaamen. . . . . . . . - - Pag: 12258. -. Waar uijt dan niet duijster blijkt, dat die schuld van Looman vereffend zijnde, daar op de overschrijving van het zelve bij de boeken of reekening van Haselkamp ge„ volg zal genoomen hebben, Conform het verhandelde of pag:a 194: van het Journaal van anno 176 /1, ergo niet buijten zijn voorkennisse, want het is zeeker dat dat briefje neevens het grootste gedeelte der pennin„ gen hem terhanden sal gesteld weesen, om het man„ queerende tot sufflement aan die somma van d' daar bij vermelde persoanen intepalmen, of anders had hij met dat briefje niet nodig gehad, en soude ook onder sijn berusting noet geweest zijn, en heeft hij alle de daar of vermeld staande gelden niet ingekreegen, het zelve kan hij niemamd aanders, dan zig zelfs wijten; hij die --„ 30. –. —. 5. —. —. Pag: 10. –. –. „ 81. –. – „ 560. –. „ 500. — p s/s 11523. -. - „ 300. —. — pag: 179. –. – Per Transport pag: 11023:— ir s 66000 er reeds voor belast was moeste ook gerigoleerd hebben, om van de hem ofgegeevene penningen meester te worden, sud bleeff door sijn stilswrijgen geen Exceptien meer over soo als bij ten processe voortgebragt heeft, dat van die ben„ ningen hem nog een somma van pag: 1669: 18: 31:, en nu bij het aan haar hoog Edelens gepresenteerd request fag: 2491. 19. 1. quaaen te ontbreeken, het geen indien sorgeloosheijd en inattentie daaromtrent geen plaats gehad hadde, ten eersten ontdekt zoude zijn geweest, bij de eerst volgende ovfneem van de Cas, welke op de voor„ melde overschrijving van Loomans debet, gevolgd is teweeten Onder ult=o februarij 1765, alsoo dan absolut moest ontwaard geworden zijn, hot groot doffirent van het Restant van het Cassaboek, en de Onder hem geweest zijnde benningen, dog het scheijnt dat hij de wasentlijke grootheijd derselve, als wijd en zijd, en son„ door eenige aanteekening verspreijde zijnde, met heeft kon nen ontwaaren het geen nog waarlijk manqueerde, van waar en van wie het selve nog moeste inkoomen, wand anders is het onmoogelijk dat men niet zoude gerigi„ leerd hebben, om het binnen best te krijgen, soo maar verwaarloosing en agteloosheijd net de weesendlijke oor„ saak van os, en daar uijt voortgevloeijde in reguliere be„ handelingen die Omtrent gemelde te kortkomingen plaats gehad hebben, gevolgelijk moeste alle de scha„ den. 171 dens daar van voortkoomende of hem redundeeren als de geene zijnde, van wien de verandwoording ge„ vraagd zoude werden.. — Bij het Ondersooeken van de weesentlijke gesteldheijd van het debet van Looman aan de Cas; deeden sig veele abuijsen of in den opneem van den 22 april 1762. hier Vooren roedes onder L=ra UE: aangehaald, wijl soo wel onder de per memorie Loopende gelden, als inweesen bevondene Contanten veele aanzienelijke Posten zig bevonden waar nieuwe voor Oude pagooden gesteld zijn, blijkens twee quitanties aan de Executeurs van Looman verleend, en deesen Onder L=ra V: versellende; want bij den overneem staat getransporteerd soo aan per memorie loopende gelden als Contanten Con„ form Ordonnantie van overschrijving L=a g: 9: of den Hoofd administrateur in dato ultimo april 1762. Ver„ leemd, te saamen - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - Pag: 1555:1: 28. En volgens de quitantien zijn maar overgegeeven geworden -„ 15117: 17:30. Dus te veel ontfangen. . . . . . - Pag: 138. 4. 70. Waar van weeder gedebraheerd moet werden, den 20 penn: of 't heeren geregtigheijd van A:o 176 6/1. waar voor Loo„ man wel gedebileerd, dog eerst bij Crucous in het boek„ Jaar 176 7/3. van Maselkamp als secretaris van Justitie Transporteere - - -- Pag: 138. 4. 70. N 1088
English
Carried forward Pag: 138. 4. 10. Justice was received - - - - - - - - - - - - - - - - - 405. 1. 20. Thus still too much Pag: Making the same the difference of the agio of 500 pagodas, advanced per memorandum to Captain Marchand, Commander of the French Company formerly in our service, and adjusted in the book year 176 7/3, or page 218 of the Journal, among several entries, see Adjustment Order of the last of August 1763, attached hereto under Letter W. We have therefore, in order to have a net account of Looman's debit and the settlement thereof, had to reject the transfer by the executors, and prepare two other accounts, the one from the warrants and the cash book, and the other from the Journal or the trade book, attached hereto under Letter A, according to both of which it appears that Looman's debit to the Treasury has essentially amounted to The paid and received monies that have served in reduction of that debit amounting to Carried forward f 12378. 13. —. . . . - Pag: 12378. 13. 33. 3. 50. 172 Carried forward - pag: 2378. 13. —. amounting according to a statement prepared by us under Letter ij Which being subtracted, it thus appears that Looman is still indebted to the petty cash: pag: 1391. 17. 3. And to demonstrate this further, we let follow below another demonstration, drawn from the note cited here before, as upon examination we find that the entries mentioned therein were not received in the manner stated therein; namely In the First Entry stands Campie with pagodas 2929. —. Yet according to the receipt granted to the executors, see Letter Z, Haselkamp has only received 3500 new, or old 3240. 17. 62: Thus less pagodas 688. 6. 18. Vick stands with pagodas 1500. Yet they are only old 1250. –. – 250. — The vendue proceeds are stated at pagodas 2594. - Yet the same amount to only 2403. 6. 53. 190. 17. 27. The Vendue Monies of Looman's Servant pagodas 500. — Yet they amount to only 406. 12. 60 93. 11. 20. The further entries mentioned in that note amount to 10986. 19. 77. Carried forward pagodas 1142. 10. 65. 1. 70. 1. 20. 3. 50. 5 13. Except the 91 pagodas, regarding those which were received long thereafter, or only in September 1766, by the appointed curators of the estate of Looman from the Palliacat Chief Dordnieux, being the First Clerk De Saar and by Translator Obdam, see their Account under Letter S: S: thus not received by Haselkamp pagodas 651. 17. 32. And the same make in old 666. 6. 58 481. 10. 54. Together less pagodas 1190. 21. 39. To which added the aforementioned pagodas 81. –. –. And the excess debit of Looman beyond what was stated in the transfer 119. 19. 14. 200. 19. 14. Carried forward pagodas 1142. 10. 65. all of which entries then demonstrate that Looman has remained in arrears to the Treasury for Pag: 1391. 17. 3. Consequently not finally settled, and in transferring that arrear to the Cashier Haselkamp an error was made by taking the 12258 new pagodas for Old, thus yielding, with around 8 per cent agio, a considerable difference of pagodas 908, which, added to the 129 pagodas estimated in excess on the entry of Campie over what he paid to Haselkamp, and through various other small entries, constitutes the aforementioned difference 173 of pagodas 1391. 17. 3; which can be imputed to nothing other than the inattention of almost all those who have had their hands in the estate of the deceased Cashier Paulus Looman, and especially the Cashier Haselkamp, when he was ordered to collect the amounts stated in that note towards the liquidation of the Treasury, among others also the pagodas 568 and pagodas 175, together amounting to 735 pagodas, which he says he did not receive, yet those people, being the natives Moerafsa Poele, Coenjang gunsmith, Deen Caraf Arnasalam, and the accountant of the Cashier Wienaggoen, among others mentioned in the statement prepared by us, declare unanimously to have paid their debit to Governor van Teylingen, as do also the Persian writer and Lieutenant Meynsz; consequently it was indeed the duty of Haselkamp to inquire into this, and to give notice to the Governor of the non-receipt of those missing monies, who would then surely have assisted him in obtaining them, since it could not be unknown to Haselkamp that he was liable for the debit of Looman through the transfer thereof, for why else did he need the money from Looman's executors 10. 65.
Dutch transcription
Per Transport. . Pag: 138. 4. 10. Iustitie ontfangen is - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 405. 1. 20. Dus nog te veel Pag: Maakende het selve het different uijt van het opgeld of 500: pag. , aan den Capitain Marchand Commandant van de wel eer in onsen dienst geweest zijnde Comp=e francen per memorie voor uijt verstreckt en in het boek Jaar 176 7/3. of pagina 218. van het Journaal onder meer„ dere posten geredresseerd, vide Redres Ordonnan„ tie van ultimo aug=s 1763. deesen onder L=a W: bij gevoegd.— Wij hebben dierhalven om een netto Reekening van Loomans Debet en de vereevening derselve te hebben het transport door de Executeurs moe„ ten verwrssen, en twee andere Reekeningen formeeren, de eene uijt de ordonnantien en het Cassaboek, en de andere uijt het Journaal of het negotieboek deesen onder L=a A: bij ge„ voegd volgens welke beijde blijkt dat Loomans debet aan de Cas weesendlijk gomporteert heeft De betaalde en ingekoomene penningen die in mindering van dat debet hebben gediend bedragende Transporteere p ƒ 12378. 13. —. . . . - Pag: 12378. 13. 33. 3. 50. 172 Per Transport . - pag: 2378. 13. —. bedragende volgens eene door ons geformeerde aan„ thoning L=ra ij Dewelke gesubstraheerd zijnde soo blijkt dat zoomaen nog aan de kleene Cassa debet: os pag: 1391. 17. 3. En om zulx nader aantethoonen laaten wij hieronder een ander demonstratie volgen, uijt het hier voorwaards aan„ gehaald brieffe, getrocken, alsoo wij bij Examinatie be„ vinden dat de daar bij vermelde posten sodanig niet in„ gekoomen zijn, als daar bij opgegeeven is; te weeten Bij de Eerste Post staat Campie met R o/ 2929. —. Dog volgens quitantie aan de Executeurs verleend vide L=a Z: heeft Haselkamp maar ontfangen 3500. nieuwe of oude „3240. 17. 62: pr/o 688. 6. 18. Des minder p a/o 1500. Vick staat met-- - - -„ 4250. –. – „ 250. — Dog het zijn maar oude- De Veandupenningen staan vermeld p:ra/o 2594. - met - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 2403. 6. 53. „ 190. 17. 27. Dog deselve bedraagen maar De Vendu Gelden van Loomans Die„ pr/o 500. — naar - Dog ze monteeren maar -„. 406: 12. 60 „ 13. 11. 20. De verdeere posten bij dat briefje vermeld, bedraagen J: Eco P1 – – – – – – – – – – – – „ 10986: 19. 77. Transporteere - - - - - - - - pa/o 1142. 10. 65. 1. 70. 1. 20. 3. 50. 5 13. /:Excepto de 01. pagoobeen, affarent dien, die door het Palliacats Opperhoofd Dordnieux lange daar na, of eerst in 7ber: 1766. bij de aangestelde Cu„ ratoren in den boedel van Looman zijnde de Eerste Clercq De Iaar, en door Trans„ lateur Obdam, vide derselver Reekening L=a S: S: dus niet bij slaselkamp Omt fan„ gen - - - - - - - -- - - - pa/o 651. 17. 32. En deselve maaken waar oude - - - - - - - „ 666. 6. 58 „ 481: 10. 54. Tesaamen monder- - - - - - - p o/o 1190. 21. 39. Waar bij geteld de voorschreeve - - - - - - pa/o 81. –. –. En den meerderen debet van Looman dan daar voor bij het transport is alle welke Posten dan aantoonen dat zooman nog aan de Cas te quaade gebleeven os Pag: 1391. 17. 3. Oversulx niet finaal vereffent, en men heeft zig bij de overschrijving van dat agterstal of den Cassoer Mosel„ nam geabuseerd met de 12258 nieuwe pagooden voor Oude teneemen, geevende dus omtrent het 8. p:r C=to of 1 geld, een Consoderabol verschil van pag: 908. , die gevoegd bij de bij de post van Campie meerder besondgestelde 129. bagooden, dan hij aan GaselRamp betaald heeft, en door diverse andere kleijne posten het voormeld verschol gesteld - - _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ - „ 119. 19. 14. „ 200. 19. 14. Per Transport. . . . . pag: 1142. 10. 65. van 173 van pag: 1391 17. 3. uijtmaakt; het geen aan niets aen„ ders g'omputeerd kan werden, dan aan de inattentie van genoegsaam van alle die, die de handen gehad hebben in den boedel van den overleedene Cassier Paulus Loo„ man, en wel insonderheijd den Cassier Haselhaan d, „toen hem aanbevoolen was, de bij dat briefje opgegee„ vene monlanten in tevorderen tot Liquidatie van de Cas onder anderen ook de pag: 568. en pag: 175. te saa, men uijtmaakende pagooben 735., die hij segt niet Ontfangen te hebben, dog die menschen, zijnde de Inlanders woerafsa Poele, Coenjang baruijtsemaker, Deen Caraf arnasalam, en den Cannecassel van den Cassoer Wienaggoen, onder anderen bij de door ons ge„ formeerde aanthooning vermeld, verklaaren een ba„ rig hun Debet aan den Gouverneur van Teylingen betaald te hebben, soo als ook doen, den persiaans schrijven, en den Luijtenant Meijnsz: gevolgelijk was het immers de Pligt van Haselkamp om daar na zig te informeeren, en den Gouverneur Ken¬ nisse te geeven, van de non ontfangst dier Ontbree„ kende gelden, die hem dan wel daar aan geholpen zoude hebben, alsoo het Haselkamp niet onbekent konde weesen, dat hij voor het Debet van Looman door de Overschrijving derselve aanspreekelijk was, want wat behoefde hij anders het geld van Loomans Executeurs 10. 65.
English
To accept the executors or the receipt and retain the balances, had it not been that all those same funds were intended for the liquidation of the cash and were also used and employed for that purpose; and even assuming that those monies or any of them had remained unpaid to him, it was indeed his own negligence, because he made no further effort toward collecting them, as has appeared with regard to the monies that were held by the executors of Looman, since he received 129 pagodas less of the same than was handed over to him by the former Governor Van Teylingen in that letter; all the more so because those monies, or rather pagodas 133. 9. 1., were indeed in the custody of the executors and were also handed over by them to the curators appointed subsequently, or in the year 1766, which, together with the monies accrued through assignment from the credits of Looman, amounting together to pagodas 1103: 3: 49, having subsequently been distributed to the creditors of Looman, are no longer monies belonging to Looman. That negligence occurred regarding everything and in particular regarding the entire affair of the estate of Looman with respect to the settlement of the cash is indisputable, and as one of the proofs thereof serves a certain entry of 320 pagodas, being the proceeds of one of the houses of Looman, sold among several other goods under the date of 6 November 1762, and to the former servant of Van Teylingen, named Wienaygom, under the surety of the natives Waytinada Chittij and Ogondaatsia Poele, but since transferred, as can be seen in the auction roll, to the name of the fellow native Moetoe Kistna Condapa Nayker, which auction monies Haselkamp, among other things, says in his trial papers that he likewise did not receive; yet to whom must the non-receipt of those monies now be imputed, other than to himself, since he had time enough for it from 6 November 1762, or the day of the auction, until August 1765, when he was placed under arrest, thus having let almost three full years slip by without collecting that money, or taking coercive measures in hand to compel the buyer to make payment; for he indeed admits himself that an auction master remains primarily responsible for the auction monies after the auction has been held, how much more so, then, for these monies, which were partly designated to him to serve toward the satisfaction of Looman's remaining debt, which was transferred to him, Haselkamp, in the cash; and had Haselkamp been vigilant in time, that man, before he had become insolvent, would well have been able, or his master and benefactor, the aforementioned executed servant of Van Teylingen, would well have provided him with the means to raise that money; consequently, the curators Bloeme and Buys would not have been obliged, on account of his inability, to have that house subsequently auctioned off anew by judicial decree, which then yielded no more than 165 ½ pagodas, which, alongside an amount of 95 ½ pagodas for other received auction monies which had been debited to him, amounting together to 261 pagodas, was taken to the credit of Haselkamp, while the deficiency, or the lesser yield of that house, being 154 ½ pagodas, according to the political resolution of 20 January 1768, see letter AA, the aforementioned sureties, who otherwise would have had to pay that missing amount, were absolved from payment, broadly stated in that resolution, on account of the clandestine transfer of the same to the name of Moetoe Kistna Condapa Nayker without their prior knowledge, for whom they had not remained sureties, nor as such would have bound themselves for him. That Haselkamp was ignorant regarding the debit of Looman, its liquidation, and its transfer to him can by no means be assumed, much less believed, for he had that note with him and which was handed to him, to govern himself accordingly in the collection of the monies handed over therein for the settlement of Looman's debt, which was also included under the balance of the cash book; and if he could not effect the full payment thereof, he should have, by giving timely notice thereof at the proper place, principally upon the change of the chief administration, prevented the misfortune into which he subsequently fell, which would have been a far wiser conduct than now, after having allowed himself to be burdened through unprecedented silence, to complain that he had not received or obtained all the monies designated to him; far fewer reasons for complaint remain for him, because he repeatedly, and indeed monthly, signed for the balance of the cash book, not to mention the successive inventories taken once every six months, on which occasions he should at the very least have perceived that the monies under his responsibility were not in order; therefore, however one turns or twists the matter, Haselkamp is and remains responsible in all respects for the cash of Looman. Regarding now the cash under Francois Crucius, the same was, upon handing it over to Haselkamp, as when.
Dutch transcription
Executeurs of quitantie overtoeneemen, en de veordusen„ ningen onder zig te houden, was het niet dat alle deselve fondsen waren tot Liquidatie van de Cas geprofecteerd, en ook daar toe gedient aa g'eam„ ploijeerd, En gesteld zijnde dat die gelden of eenige derselve hem onbetaald waaren gebleeven, zoo was het immers zulx zijn eijge sloffigheijd, om dat hij geen meer werk ter in„ casseering derselve gemaakt heeft, soo als zulx gebleeken is, omtrent de Onder de Executeurs van Looman geweest zynde penningen, nadien 129. pagooden minder van de„ selve ontfangen heeft, dan door den geweesen Gouverneur Van Teijlingen hem bij dat brieffe is ovrgegeeven geworden te meer die penningen of wel Eijgentlijk pag: 133. 9. 1. veel onder de Executeurs haare berusting geweest en door haar ook aan de naderhand of in den Jaare 1766. aangestelde Cu„ ratoren overgegeeven zijn, dewelke met de t'scedeert bij gekoomene gelden uijt de Crediten van Looman, te sa„ men pag: 1103: 3: 49: importeerende, vervolgens aan de Crediteuren van Looman afgegeeven weesende, geen ben„ ningen meer zijn, Looman toebehoorende. — Dat slordigheijd omtrent alles en in het bijsonder omtrent de gansche affaire van den boedel van looman opsig„ telijk de vereffening van de Cas betreffende plaats ge„ had heeft isonweederspreekelijk, en strekt tot een der bewijsoen daar van seekere post van 320. pag: of het Provenu 174 provenu van een der huijsen van Looman, onder dato 6.:' 9ber: 1762: onder meerdere goederen verkogt, en bij den geweesen dienaar van van Teylingen in naame wie naijgom onder borgtogt van de Inlanders Waijtinada Chittij en Ogondaatsia poele, dog zeedert gelijk bij de vendurol te sien is op de naam van den meede Jn„ lander Moetoe Kostna Condafa naijker overgeschree„ ven, welke vendupenningen Haselkamp onder anderen bij sijn proces papieren zegt, meede niet ontfangen te hebben; dog aan wie moet nu de non inkooming dier penningen g'imputeerd werden, anders dan aan hear selve, alsoo daar tijd genoeg toe gehad hadde van den 6:' november 1762. off den dag der Vendutie tot aug=s 1765, wanneer hij in arrest geraakt is, dus bij na drie volle Jaaren heeft laaten voortslieven, sonder dat geld in te palmen, of Constrainte middelen bij der hand teneemen, om den kooper tot de voldoening te Constrin„ geeven, want hij bekent immers selfs, dat een vendu„ meester ten eersten na de gehoudene vendutie voor de vendupenningen verantwoordelijk blijft, hoeveel te meer dan voor deese gelden, die hem voor een gedeelte aan„ geweesen zijn, om te doen dienen tot voldoening van Loomans nagelaten, en op hem Haselkamp overgeschree„ vene schuld aan de Cos; en had Haselkamp er bij tijds voor gerigileerd, soude die man, eer dat insolvent geraakt was. was, wel in staat geweest zijn, of zijn patroon en weldoen„ der den voormelde g'excuteerden dienaar van van Teijlin„ gen, hem wel middelen aan de hand gegeeven hebben, om dat geld op te brengen, gevolgelijk hadden de Curatoren Bloe„ me een Buijs niet verplagt behoeven te weesen, mitsor vermogen van denselven, om dat huijs naderhand of een Ju titieele vonnis, of nieuw te laaten off veijlen, en toen niet meer gerendeerd heeft, dan pag: 165. ½. die neevens een moor„ taant van pag: 95½, weegens andere ingekoomene veendu„ penningen, welke denselven delet geweest was te saa„ men per/o 261. uijtmaakende, ten voordeele van Haselkaard ingenoomen is, terwijl het manqueerende, of het monden gewendeerde van dat huijs, sijnde pag: 154½. volgens politien besluijt van den 20. ' Januarij 1768. vide L=a A: A: de voor„ melde borgen, die andeers dat ontbreekende montant soude hebben moeten betaalen, dog om de wille van de Claandes„ tine overschrijving van het selve of de naam van Moe„ toe kistna Condapa naijken, buijten derselver voor„ kennisse, voor wien zij geen borgen gebleeven waaren„ nog als sodanig ook zig voor hem verbonden soude heb„ ben, breedvoerig bij die Resolutie vermeld, van de betaa„ ling vrijgekend zijn—. Dat Haselkamp zig omtrend het debet van Looman dies Liquideering en overschrijving derselve op hem igno„ vaart is geweest, kian geensints veroondersteld, veel mie er 165 er geloof aan gedefereeerd werden, waart hij had die notitie om 4 daor hem, en die hem g'intrageerd is, om sig daar na te re„ guleeren, in de invordering van de daar bij overgegeevene pan„ ningen tot vereffening van Loomans schuld, die onder het Restant van het Cassaboek meede begreepen was, en heeft hij de volle betaaling derselve niet konnen effectueeren, moest door een tydige kennisse geering daar van, ter plaat„ se daar het behoord, princopaal bij de verandering van het Hoofd beslier voorgekoomen hebben, het Ongeval waar in seedert geraakt was, het geeen een veel vrijselijkers gedrag geweest zoude zijn danr nu, na dat zig door ongehoorde stil swijgendheijd hadde laten belasten, te doleeren, dat de heem aangeweesene penningen met alle ontfangen of ingekreegen had, veel minder reedenen van klagten blijven voor hem over, om dat telkons, en dat wel maan„ delijks voor het Bestaart van het Cassaboek geteekend heeft, ongereekent nog de successive ofpneemingen om de ses maanden eens geschied, bij welke geleegendheeden ten winsten moesten ontwaard hebben, dat met de benningen onder sijn verandwoording noet rigtig ge„ steld was, dierhalven hoe men de zaak keerd ofte wand saselkamp in alles voor de Cas van Looman Dosson„ sabel is, en blijft. — Betreffende nu de Cas onder Francois Crucaus, den selven 2 is bij het overdraagen derselve aan Haselkamp, als men. doen
English
if one proceeds according to the balance sheet and the transfer dated the last of July 1763, marked F, nothing remained in debit, at least it does not appear so, although it is otherwise very well known that he also had to account to the treasury for a considerable sum of 9658 pagodas, 4 fanams, 48 cash. But the Honorable Company had nothing to untangle in that regard with Crucius or his estate, since by receiving a private bond for it, and by Haselkamp signing the transfer without making any exception thereto, nor making any mention thereof, the debt passed immediately and directly to Haselkamp, who thus became a debtor of the Honorable Company; consequently, he was the person who had to account for the entire remainder of the treasury without a single doit missing, and also accordingly make the payment of the funds, wherefore no consideration can be given to the aforesaid bond, which was only granted on 20 December 1763, thus nearly five months after the treasury had been transferred; it being moreover an agreement between him and his predecessor Crucius, which had existed with the prior knowledge and consent of Governor van Teylingen, if the latter had knowledge of that deficit at the time of the transfer of the cash. Crucius then had to account for, according to what was noted with that transfer, in new pagodas and fanams, 17317 pagodas, 7 fanams, 70 cash, but according to an account exhibited in the lawsuit by Haselkamp, he only discharged 7533 pagodas, 9 fanams, 62 cash; namely, 6508 pagodas, 9 fanams, 62 cash in various gold species, and 1025 pagodas in doits; as is further shown below; namely: Given to Mr. Haselkamp: 6500 pagodas To the shroff, new pagodas: 1000 pagodas To His Honor’s servant, new ditto: 150 pagodas To His Honor, 3 bundles of fanams: 650 pagodas Into the hands of the shroff: 500 pagodas Total: 8800 pagodas Against this, paid by Mr. Haselkamp for my account: 2291 pagodas, 14 fanams, 18 cash Remains: 6508 pagodas, 9 fanams, 63 cash I must pay to His Honor: 17191 pagodas, 11 fanams, 30 cash From which deduct the previous: 6508 pagodas, 9 fanams, 63 cash I must still pay: 10683 pagodas, 4 fanams, 48 cash Of this in doits: 1025 pagodas Total: 9658 pagodas, 4 fanams, 48 cash For which, as he says, he took a bond by order of the Governor, and upon the promise made to him that he would stand surety for that debt, signed the transfer without making any exception; but nevertheless did not comply with the order to let the amount of that bond run internally within the treasury, but also delayed it, for which he certainly will have had his particular reasons, whether not to expose and embarrass the Governor for the sake of his nephew, or the trust that he placed in the promises made to him; but had he wished to act with prudence in this matter and look after his own interests properly, then he should not have hesitated for a single moment to observe that order. But how far this pretext of Haselkamp to let the amount of the bond run internally is to be credited, we gladly leave to the discerning judgment of Your Right Honorable; and many reasons present themselves to doubt whether he was indeed provided with such an order, principally when one reflects on the time that elapsed between the transfer and the granting of the bond. But be that as it may, one cannot however deny that Haselkamp once again hazarded himself too much and subjected himself to unprecedented negligence, especially if Crucius had happened to pass away 5½ to 6 months earlier than occurred. For the rest, it is still a good thing that that debt, in accordance with a statement submitted by the curators, inserted in the Resolution of 2 May 1768 and also accompanying this under letter BB, has been paid, except for an amount of 1417 pagodas, 15 fanams, 60 cash, and that this can also be paid off out of 5278¾ rupees, which belongs to the deceased because of a certain transaction from the estate of the late Right Honorable Ceylon Governor Van Eck, and the remittance of the same is to take place from there according to the revered order of Their High Mightinesses. Then, since all the proceeds from and for Haselkamp, and the counted amount of 1000 pagodas by his sureties, pursuant to the resolution of the Coromandel Government of 12 August 1766, see letter DD, were not sufficient to fully liquidate his deficit, wherefore the missing amount, being 1200 pagodas, according to Their High Mightinesses' secret order to the Governor, dealt with in the Resolution of this Government of 5 and 20 September 1768, see letter CC, was supplemented out of the left funds of the former Governor van Teylingen, the aforesaid amount of 5278¾ rupees, along with what is still certain to be received from Haselkamp himself, given by the curators in a statement, see letter CE, also incorporated in the aforesaid resolution of 2 May 1768, up to an amount of 1356 pagodas, 2 fanams, 24 cash, subject to the wiser opinion of Your Right Honorable, in our view must come and serve in favor of the sureties and the estate of the said Governor Van Teylingen, because both, as aforesaid, contributed to the supplement of the missing amount on Haselkamp's debit.
Dutch transcription
meen na de staat wree keowing en het transport gedateerd ultiamo Iulij 1763. geletterd F: teweerk zal gaan niets debet gebleeven toen minsten het blijkt en niet bij, schoon het anders seer be„ kend is, dat denselven meede een aansienelijke somma van Pag: 9658: 4: 48: aan de Cas heeft moeten verandwoorde n: dog d'E: Comp=e heeft daaromterend met Crucius of zyn bordel mots te demesleeren gehad, alsoo door het ontfangen van een onder„ hands obligatie daar voor, en het onderteekenen door hasel„ komp van het transport, sonder eenige Exceptie dienaar„ gaande, nog daar bij eenige meentie van te maaken, doe schuld inmediaat en direct aan Haselkamp overgegaan is, dus denselven een debiteur van d' E: Comp=e wierd, over sulks was hij die geene, die het gansche restant van de Cas son der er een duijt aan te ontbreeken verantwoorden, en ook dienvolgens aanwijsing van de penningen doen moest, kunnende dierhalven in geen remacque genoomen werden, voorschreeven obligatie die eerst den 20. ' decem„ beer 1763. , dus bij na vijf maanden na dat de kas over„ gedraagen was, verleend geworden is; boven dien een Con„ ventie sijnde, tussen hem en zijn antecesseur Crucous, met voorkennisse en taestemoning van den Gouverneur van Teijlingen gesubsesteerd hebbende, soo den laastgenoem„ de ten tijde van de overdragt van de Cassa kennisse van die te vortkoming mogten hebben gehad; Crucous moest dan, na het genoteerde bij dat transport in nieuwe pagooden. 176 Pagooden een fanuams verandwoorden bag: 17317: 7: 70, dog heeft Conform een door slaselkamp ten processe g'exhibeerd va„ dientse maar g'ontrageerd pag: 7533: 9:62: teweeten pagoo„ den 6508: 9: 62: aan diverse goude spetoen, en bagooden 1025: aan duijten; soo als hoer onder naderblijkt; als: Aan Den heer Haselkamp gegeeven. . . . . . . . . . . pra/o 6500: —.— de saraf nieuwe pagooden - - - - - - - - - - - „ 1000: —. zijn Ed:s Dienaar nieuwe d=o zijn Edele 3. bondels fanums - - - - - - - - - - „ 150. —. —. Inhanden van den Iaraf _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ - - - - „ 650. —. — - - - - - „ 500. —. sier teegens door de Heer Haselkamp voor mijn reekening betaald Resteerd - - - - - - - - - pa/o 6588: 9. 63. Ik moet aan zijn Edele betaalen - - - p r/o 17191. 11. 30. Waar van het varige detraheere - - - - - „ 6508: 9. 63: Moet ik nog betaalen 5 10683. 4. 48. Hier van aan duijten -- - „ 1025. —. Pag: 9658: 4. 48. Waar van zoo hij zegd, off ordre van den gouverneur een obligatie genoomen, en of de aan hem gedaane belofte dat voor die schuld zoude instaan het transport sonder eenige exceptie te maaken geteekend, dog even wel de or„ dre om het bedraagen van die obligatie bij de Cassa bin„ menslijns te laaten voortloopen, met nagekoomen, frlaar -- „ 2291. 14. 18. p/o 8800. -. - meede ult o - meede getraineerd had, waar toe hij seekerlijk zijne bij„ sondere reedenen gehad sal hebben, het zij om den Gouver„ neur om de wille van zijn neef niet ten toon te stellen en urreteeren, dan wel het vertrouwen, dat hy in de aan haar gelaene belofteen gesteld heeft, dog had bij hierom twrond voort Prudentie willen handelen, en sijn eijgen intrest na behoo„ ren behartigen, dan moost hij geen ogenblick versuijmt heb¬ been, om die ordre te observeeren; dog hoe verre dit voorgeeven van esaselkaan om het bedraagen van de obligatie bin„ nen'slijns te laaten voortloopen, te accrediteeren is, laa„ ten wij gaarne aan het doorsigtig oordeel van uwel Edele Gestr: over; en daar doen sig veels reedenen of om „ twijf felen, of hij wel met soo een ordre gemunieert geweest is, principaal als men reflecteerd, de tijd, die er verloo„ benos, tussen het Transport en het verleenen van de obligatie/: dog het zij daarmeede geleegen, zoo als het wol, men kan egter niet ontkennen, dat haselkamp alweeder zig zel„ ve te veel gehasardeerd, en aan ongehoorde sloffigheijde sub„ fect gemaakt heeft, teweer, wanneer Crucous 5½. â 6. maanden vroeger dan geschied is, was komen aflijvig te werden, zijnde voor het overige nog al een goede zaak dat die schuld Conform een door de Curatoren overgegeevene nototie, ter Resolutie van den 2' Meij 1768. geinsereerd, en deesen teffens onder L=ra B: B: versellende, tot of een mon„ tant van pagooden 1417: 15: 60: na, voldaan is, en die meede afbetaald. 177 afbetaald kan werden, uijt Ropp=s 5278:¾, die dan Overlee„ dene bonk: weegens zeekere negotiatie uijt den boedel van wijlen den wel Edelen Gestr: seer Ceijlons Gouverneur Van Eck Competeerd, en de overmaking derselve na de gevenereerde Ordre van Haar Hoog Edelens van daar staat te geschieden Dan aangesien alle het ingekoomene van, en voor slaselkamp, en het getelde montgamt van 1000. pagooden door sijne borgen, uijt kragte van het besluijt der cormandelse Regeering van den 12:' Aug=s 1766. , V:de L=a D: D:, niet sufficeerende geweest :s, om zijne te kort koming ten vellen te liquideeren, oversulx het manquee¬ rende, zijnde pag: 1200. na luijd van haar hoog Edelens secreete Ordre aan den heer Gouverneur, bij Resolutie deeser Regeering van den 5. ' en 20. ' 7beer: 1768. verhandeld, vide L=ra C: C:, uijt de nagelaatene penningen van den geweesen Gouverneur van Teijlingen gesuffleerd is, soo sal het voormelde bedraagen van Rop=s 5278. /¾., in het geene van slaselnaap selve nog secuur staat intekoomen; door de Curatoren bij een notitie vide L=a C: E: almeede ter voorsz: resolutie van den 2. meij 1768. ingelijft, ofgegeeven tot een montant van pr/o 1356: 2: 24: met onderwerping aan het wijser gevoelen uwer wel Edele gestr:, onses bedunkens moeten koomen, en dienen ten faveure van de borgen, en den boedel van gedagte Gouver„ neur Van Teijlingen, vermots die beijde gelijk voorsegd, tot supplement van het ontbreekende aan saselkamps Debet
English
ought to have contributed an amount of pag: 5200. the more so as the aforementioned former Governor van Teijlingen, through various taxes, is now already a debtor to the Honorable Company for an amount of ƒ62303: 12. 8. Netherlands currency, for which may also serve prƒ 641. 14. 0. remitted to Batavia to the sequestrator by a second bill of exchange dated 28 June 1768, which will be discussed in further detail below, being the surplus amount that was in the hands of the curators at that time after Haselkamp's debt to the Honorable Company was settled. Having thus concluded the debit item regarding Crucous, and arriving at the last four or the 19th, 20th, 21st, and 22nd debit items of the account, being the paid amount of pag: 2584. 12: 11: on account of the four farmers, concerning which your Right Honorable may please to know that Haselkamp, in his capacity as vendue master by order of the former Governor van Teijlingen, sold some houses and other possessions of some of the farmers because of their inability to deliver the farm monies, and also having claimed some monies from them, it could not be verified whether these were credited to their benefit or not, due to the lack of a proper account and elucidation; therefore, by resolution of this government dated 27 March 1766, see Letter F: F:, the members of this assembly, the trade bookkeeper De Fillittal and the adigar of this outer city Pietersz were commissioned to conduct an exact investigation into this, who thereupon at the session of 2 June thereafter, the extract of which accompanies this under Letter G: G:, served an ample report of their proceedings and findings, which shows how Haselkamp dealt with the proceeds of those sold possessions, and that the monies counted into the cash box by the receiver Hofslager were funds brought directly in cash to him by the farmers in reduction of their arrears, thus not including the money from the public sale of the goods sold by Haselkamp, etc., demonstrating therefore what the farmers had to claim from Haselkamp, and matching their claims with the vendue book, treated very extensively in that resolution, to which, in order not to lengthen this, we refer with great respect, in which your Right Honorable will find set forth the reasons and motives upon which Haselkamp was held accountable for the entire amount of the sale of those possessions, after he was amply interrogated regarding all this and not condemned without a hearing, and thus the same was transferred from his estate, which he had thereby treated as his own, to the Honorable Company's cash box for the benefit of those farmers; for although he says that those funds were deducted from the warrants of the receiver Hofslager, he cannot prove this; as vendue master he should have noted the settlement thereof in the vendue book and notified the farmers thereof, as well as provided himself with receipts to cover himself therewith, the more so because these are monies that were paid into the cash box by a second person, namely the receiver, on account of a third, to wit the farmers. The notes to which Haselkamp refers for his discharge in this matter, the curators solemnly declare not to have found in his estate, and it is otherwise very improbable that those monies, as Haselkamp alleges, were deducted from the receiver's warrants and paid into the cash box; for we find the incoming vendue monies, besides those of the widow Crucous, collected by the curators according to their latest account of 22 August 1767, submitted by Haselkamp alongside his petition, to be too substantial, amounting to circa pagodas 3743, whereas the private individuals according to their submitted claims regarding outstanding vendue monies, according to the list of private debts chargeable to Haselkamp, do not amount to more than pag: 673: 16: 62: which being deducted therefrom, there still remains in incoming vendue monies pagodas 3070, among which certainly the vendue monies of the farmers are also included, not to mention the monies from the public sales that he himself already received successively from the messenger before his detention, so that for lack of any annotations or a proper vendue book etc. that could shed any light on which monies were received and which were not, one has the utmost difficulty in verifying everything with such accuracy as ought to be; the amount paid from his estate for the benefit of the farmers by virtue of the resolution of 2 June 1768 consists of the following, namely: From the farmer Oetandiassa Moddelliaar together with his guarantors on account of the movable and immovable property sold at the public sales of 13 January, 23 February, and 10 March 1764: pag: 126. 16: 26 On account of farm monies received, pocketed by Haselkamp for the benefit of the farmer: 64. –. – pag: 1321 ƒ1622: 26: Counted The fanams reduced at 24 pieces per pagoda: 67: 11. 26. Total from the farmer Oetaandiassa Moddelliaar and his guarantors counted into the cash box and entered in the books to the benefit of that farmer: pagodas 1391. 11. 26. The movable and immovable property of the farmer Mappoole Moetoe Chittij sold at the public sale of 10 May 1764 amounted to: pagodas 2340: 1039: 39 Carried forward: pagodas 1340: 1039: 39 ƒ190. 11. 26. [illegible]
Dutch transcription
debet gecontribueerd hebben een montant van pag: 5200. te meer den voormelden geweesen gouverneur van seijlin„ gen, door deverse belastingen tans reeds een Debiteur van D' E: Comp=e os voor een bedraagen van ƒ62303: 12. 8. weder„ lands geld, waar toe ook zullen kunnen dienen prƒ 641. 14. 0. bij een tweede wissel in dato 28. ' Junij 1768. , waar van in het vervolg nog nader weerd verhandeld, naar batavia aan den sequester overgemaakt, zijnde het meerder bedraagen dat of die toijd onder de Curatoren berust heeft na dat sla„ telhams schuld aan d' E: Comp=e vereffend was. —. Hiermeede dus het articul van Crucous De bet afgehandelt en genadert zijnde tot de vier Laaste of de 19. 20. 21. en 22. Debet posten van de Reekening, zijnde het betaalde mon„ tant van pag: 2584. 12: 11: voor reekening van de vier pag„ ters, ten welken belange uwel Edele Gestr: gelieve te neeten dat Haselkamp in qualiteijt als vendumeester of ordre van den Geweesen Gouverneur van Teijlingen, eenige huij¬ sen en verdere besittingen van eenige der pagters, mots der„ selver onvermoogen tot het ovbrengen van de pagt gelden verkogt, en ook eenige penningen van deselve ongevordert hebbende, niet heeft konnen nagaan werden, of zulx haar ten goede gebragt waaren dan niet, door ontstentemiss van een behoorlijke Reekening en Olucodatie, dierhalven bij besluijt deeser Regeering van den 27' Maart 1766. Vide Latria F: F: de Leeden deeser Vergadering den Negotie boek„ houder. 178 houder De Fillittal, en den adigaar deeser buijten stad Pie„ tersz: Gecommitteerd zijn daar na Exact ondersoek te doen, die daar ov ter zitting van den 2. ' Junij daar aan, waar van het Extract deesen sub L=a G: G: ac„ compagneerd een ampel Rapport van derselver verrig ting en bevinding gediend hebben, waar bij blijkt, hoeda„ nig haselkamp met het Provenu dier verkogte besittingen gehandelt heeft, en dat de Penningen door den Ontfanger sloff„ lager in Cassa geteld, gelden geweest zijn, door de pagters di„ rect aan denselven in mindering van hun agterstal in Con„ tant ovrgebragt, dus daar onder niet begreepen was het geld uijt de vendutie van de door saselkamp verkogte goederen etc=a, met aanthooning dierhalven wat de fagters van Haselkamp te pretendeeren hadden, en accordeering van derselver pretentien met het venduboek, seer wijblustig bij die Resolutie verhandelt waar aan wij, omm deesen niet te verlengen met veel eerbied refereeren, waar bij uwelEd: ge„ strenge des gelieven de ter neder gesteld zullen vinden, de ree„ denen en motiren, waar op saselkamp verantwoordelijk is gehouden voor het gansche bedrageen van den verhoof dier besittingen, na dat hij nopens het een en ander ampel woos g'interogeert, en niet sonder te hooren veroordeeld, dus het selve uijt zijn boedel, die hij daarmeede als zijn eijge bewoor„ deeld had, ten goede dier pagters in sComp=s Cassa overgebragt „s: want schoon hij zegt dat bij die gelden bij de Ordonnan„ tien tien van den Ontfanger Hoflager ingetrocken waaren, Man„ hij zulx egter niet bewijsen, hij moest als vendumeester de voldoening derselve bij het venduboek genoteert, en er de pagters kennisse van „ geeven, motsg=s sig van quotantien voorsien hebben, om zig daarmeede te decken, te meer dewijl het penningen zijn, die door een tweede persoon, namentlyk den Ontfanger, voor reekening van een derde, teweeten de pag„ toors, in Cassa wierden betaald. de nototien waar ofr hasel kamp zig ter zijner decharge dienaangaande beroept, betuijgen de Curatoren in gemoede in sijn boedel niet gevonden te hebben, en het is voor het overrige seer onwaarscheijnelijk dat die gel„ den, gelijk Haselkamp voorgeeft, bij de ordonnantien van den Ontfanger ingtrocken koorde, een in Cassa betaald ge„ worden zijn; want wij bevinden de ingekoomene ven„ duspenningen, behalven die van de weduwe Crucous, door de Curatoren volgens derselver Jongste reecqueming van den 22:' Aug=s 1767, door Haselkamp neevens zijn request overgegee„ ven, ingepalmt, te important, als bedraagende C: c: pagooden 3743: , daar de particulieren volgens hun oprgegeeven pro„ tentien weegens te voorenstaande veendupenningen, bij de notitie van de particuliere schulden ten laste van Ma„ selkamp, niet meer bedraagen dan pag: 673: 16:62: die daar van gedetraheerd zijnde, nog aan ingekoomene ven„ dupenningen overblijven pagooden 3070. waar onder zig zee„ kerlijk de venduppenningen van de pagters meede bewinden Ongereekaond 179 ongereekend nog de golden van de venzulien: die hij zolfs reeds voor sijn desentie successive van den boode heeft ont fangen, soo dat door ontstentenisse van eenige annotatien of ordentelijke, venduwoe etc=a die eenig ligt kunnen geeven welke gelden al, en welke weder niet ontfangen zijn, men de uijtterste moeijte heeft om alles met die accu„ ratosse nategaan, als het wel behoorde; Het betaalde dan uijt zijn boedel ten behoeve van de pagters uijt kragte van de Resolutie van den 2:' Junij 1768. bestaan in het vol„ gende; als: Van de Pagter Oetandiassa moddelliaar beneevens zijn borgen weegens de per vendutien van den 13. ' Januarij, 23: febr: en 10. ' maart 1764. verkogte Losse en Vaste goe„ pag: 126. 16 2: 26 weegens ontfangene pagtpenningen door Hasel„ kaarp ingepalant ten behoeve van den pagter „ 64. –. — pag: 1321 ƒ1622: 26: Teld De fanums geroduceerd teegens 24. stux p:r pagood „ 67: 11. 26. Tesaamen van den pagter Oetaandiafsa moddelliaacr een desselvs borgen in Cassa geteld en ten voordee„ le van dien pagter bij de boeken ingenoomen - - - prs/o 1391. 11. 26. De van den pagter Mappoole moetoe Chittij ber ven„ dutie van den 10. Meij 1764. verkogte Losse en pa/o 2340: 1039: 39„ vaste goederen bedraagde . - - - - - - . . Transporteere - - - - - - pa/o 1340:1039: 39 8 ƒ 190. 11. 26. deren . - - - - - - . . . . . . . . . . . . - - - - - - Beond:
English
Brought forward - - - - - - Rr/o 1340 09. 9 /. 9. 14 26 From this must be deducted that which from those funds has been paid in reduction of his arrears of lease monies for the years 1762/3 and 1763/4 on account of the lease of the 14 villages, namely: For the year 1762/3 - - - - - - - - - pag: 520. -. For the year 1763/4 - - - - - - - - - - - „ 260. Together paid from the vendue monies - - „ 780. After which deduction, this farmer is still entitled to - - - - - - - - - - - - - - - - pa/o 560 fo 181939. The fanums reduced as before - - - - - „ 13. 7. 39. Consequently counted into the treasury for his account, and his account credited therewith for - - - - - - „ 603: 7: 39: The proceeds of the goods sold from the farmer Moeniapa Poele and his sureties Moetafsa Poele, Moetoewengadasalam and Kostna Poele amount to - - - - - - pag: 121. 17. 4. The fanums import - - - - - - „ 16. 13. 54. paid - 1 per/o 467. 13. 54. Add thereto the tolls collected by Haselkamp for the account of this farmer, being pard=s 192. 40. or - - - „ 80. —. 10. Together - - - - - pag: 517. 14. 14: Brought forward - - - - - - pag: 1994: 21. 65. 180 Brought forward - - - - - - pag: 1994: 21. 65. Whereof into the Company's treasury in reduction of his arrears to the Honorable Company was paid - - - - - „ 546. 14. 14: Remaining - - - - - - - - - - - - - - - „ 43. —. 12. The lands of the farmer Waddamalleappa Poele amount to - - - pag: 250: 32. 12. From which must be deducted that which has already been taken by Haselkamp in reduction of the lease monies of the year 1763/4 - - - - - - - - „ 208. 8. —. Rest pag: 42. 24. 12: The collection of the arrears of lease monies of this farmer counted into the treasury by the curators Together as mentioned above - - - pag: 2584. 12. 11. From all of which, upon an exact investigation and inquiry, we cannot find that those funds have been paid double, for nowhere does the same appear; on the contrary, Haselkamp confesses, in the trial or to the question put to him in this regard by the fiscal under date 19 November 1765, at article 35: That the vendue book, on account of the numerous businesses, had indeed been behind for some months or since December last, but that he had always paid what was due to everyone, and with respect to the farmers, that the often-mentioned former Governor van Teijlingen had ordered him, the interrogated, to keep all the monies of the sold immovable property under his charge until all should have come in together, so that they could thus be counted into the treasury at once by an ordinance. Which statement also for the most part agrees with what has been produced and testified by the farmers, except only that Haselkamp says that he fell behind with the vendue rolls from December 1764 onwards, whereas the vendues of the farmers' goods and possessions were held for a part on 13 January, 23 February, and 10 March 1764, thus left unsettled for almost one and a half years; furthermore contradicting his aforementioned statement upon a further questioning put to him in that regard on 18 April 1766, by testifying that all the monies coming in from the vendues of the farmers were drawn in by the Ordinance of the Receiver, without producing any other acceptable proof, thus those monies were rightly and properly paid out of his estate, for that the effects of the farmers were sold by him appears from the vendue rolls, but that he paid or accounted for those proceeds either to the farmers or to others appears nowhere, neither by a note under the vendue rolls, nor by receipts as was proper, nor by an Ordinance of the Governor to transfer those funds into the Company's treasury, 181 and thus everything that Haselkamp says in writing thereabout is without proof, it being known what credit is given thereto, and especially in an administrator or cashier of the Company's monies. Herewith the affair of the farmers having been dealt with as briefly as possible, it still remains to show to Your Right Honorable what the said Haselkamp, upon the taking over of the treasury that had been under his responsibility and the transfer thereof, see letter HH, to the provisionally appointed cashier Dirk Vrijmoet, remained truly indebted to the Honorable Company, having to that end formed an accurate account from the cash and negotie book, which we have the honor to offer to Your Right Honorable under letter II, according to which he remained genuinely indebted to the Honorable Company for pr/o 17411: 10. 10. And if one wishes to include therein the deficit accounted for Looman's arrears, although the non-collection thereof was caused solely by Haselkamp's neglect, being - - - - - - - - - - - „ 1391. 17. 3. then Haselkamp's debit would still import - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - pra/o 16019. 20: 7. From which again deduct the remaining debit of the deceased Cruceus, although the same remains for the account of Haselkamp, and is only placed here in order to show how Carried forward - - - - - - pa/o 16019. 20. 7.
Dutch transcription
Per Transport - - - - - - Rr/o 1340 09. 9 /. 9. 14 26 sier van moet werden afgetrocken, het geene uijt die gelden in afkorting van sijn ne agterstallige pagt penningen voor de Jaaren 176 5/3. en 176¾: weegens de pagt van de 14. dorpen is voldaan als: Voor anno 1767/3. . - - - - - - - - - pag: 520. -. Voor Anno 176/4. - - - - - - - - - - - „ 260. Tesaamen uijt de vendupenn: betaald - - „ 780. naar welkers aftrek, dan deesen peragter nog Competeerd - - - - - - - - - - - - - - - - pa/o 560 ƒo 181939. De fanums gereduceerd als vooren - - - - - „ 13. 7. 39. Oversulx voor zijn reekening in Cassage„ teld, en zijn reekening daar voor gecrebi„ teerd met Het Provenu der van den pagter Moeniapa Poele en zijne borgen Moetafsa Poele, Moe„ toe wengadas salam en Kostna Poele verkogte goederen bedraagen- - - - - - - pag: 121. 17. . 4. -- De fanums importeeren... . - --„ 16. 13. 54. fold. -. 1 per/o 467. 13. 54. Voege daar bij de door haselkanms inge palmde thollen voor reekening van dee„ sen pagtor zijnde pard=s 192. 40. of - - - „ 80. —. 10. Tesaamen. - - - - - pag: 517. 14 14: Transporteere – – – – – „ – – – - - - „ 603: 7: 39: pag: 1994: 21. 65. 180 Per Transport Waar van on sComp=s Cassa in mindering van sijn agterstal aan D' E: Coomp=e betaald is - - - - - „ 546. 14. 14: Aangerenduceerde Landerijen van den pagter waddamal„ . . . . . . - - pag: 250: 32. 12. leappa borle bedraagen Waar van gedetraheerd moet werden het geen bereeds door haselkaomp in moor„ dering van de pagt penningen van an„ no 176¾. is ongenoamen - - - - - - - - „ 208. 8. —. Rost. . Pag: 12. 2412: De inmondering van de agterstallige pagtpen„ ningen van deesen pagter door de Curatoren in Cassa geteld zijn Tesaamen gelijk booven vermeld. . - - - pag: 2584. 12. 11. uijt allen het welke bij een exact ondersoek en navorsing niet vinden kunnen, dat die gelden dubbeld betaald zijn, want nergens komt het zelve te blijken; tor Contra„ rie bekend Maselkamp, bij het proces ofr de aan hem deesen aangaande gedane vrage door den fiscaal in dato 19:' november 1765. op articul 35: Dat het venduboek mits de veel vuldige boesighee„ den wel eenige maanden of sedert december Jongstlee„ den ten agteren had gestaan dog dat altoos aan een „der het Competeerende hadde betaald, en met opsigt tot de pagters dat den meermelden gemeesen Gouver - - - - - - - - - - - - - - - „ 43. —. 12. pagj 1994: 2: 65. neur 14 25. - - 21. 65. neur van Teijlingen hem g'interrogeerden geordonneerd hadde om de gelden van de verkogte vaste goederen alle zoo lange oonder hem ter houden tot dat alle tege„ lijk zoude weesen ingekoomen, om dus bij een ordon„ nantie te eenen klaps in Cassa geteld te konnen worden Welke gesegdeens ook voor het meeste gedeelte Concordeerd met het geproduceerde en het getuijgde door de pagters, alleenlijk dat Haselkamp sigd, met de vendurollen van december 1764. aff, ten agteren geraakt teweesen, daar de vendutien van de pagters haare goederen en besittingen voor een gedeelte den 13:' Januarij, 23. februarij en 10. maart 1761. gehou„ den zijn, dus bij na ander halve Jaar onvereffecnt ge„ laaten, Contradoceerende voorts sijn voormelde gesegt dens bij een nadere hem dierwoegens gedaane afvraging van boo 18.:' April 1766., met te betuijgen dat alle de van de vendutios ingekomene penningen vand' pagters bij de Ordonnantie van den Ontfanger ingetrocken waaren, sonder eenige ande„ re aanneemelijke bewijsen bij te berngen, dus zijn die pennongen wel en ten regten uijt zijn boedel betaald, want dat de effcten van de pagters door hem verkogt sijn blijkt bij de vendurde, oaar dat hij die procodobos of aan be pagters, off aan andere voldaan of verandwoord heeft Comstteerd nergens, nog bij een aanteekening onder de vendurd, no bij quitantien gelijk dat behoorde, nog bij een Ordonnantie van den heer Gouverneur om die gelden in sComp=s Cassa over te brengen. 181 brengen, in dus is alles het geen eslasel kaam sr daar overschrijp eenlijk seggen soonder bewijs, bekend sijnde wat geloof daar aan gedefereert werd en voornamendlijk in een administrateur of Cassier van scompagnies gelden Hoermeede de affaiere van de pagters soo Bort mogelijk afgehan„ deld zijnde, blijft als nog over uwel Edele Gestr: aantetoomen wat gedagte Maselkamp bij den ofneem van de onder sijn verandwoording geweest zijnde Cassa, en transport derselve V: de L=ra H: H: aan den prominterom aangestelden Cassoer Dink Vrijmoet, moesentlijk aan D'E: Comp=e is debet gebleeven, heb„ bende ten dien eijnde een nauwkeurige reekening uijt het Cas„ Ia en nogotoeboek geformeerd, die wij de Eere hebben uwel Ede„ le Gestrange sub L=ra I: I: aan tebieden, volgens dewelke ben„ selven reel aan d' E: Comp=e Debet- gebleeven 18 pr/o 17411: 10. 10. En soo men daar onder begrijpen wil, het te kort verandwoorde voor Loomans agterstal, schoon dies noninkooming alleen door versuijm van ha„ selkammp gecauseerd is, zijnde - - - - - - - - - - - „ 1391. 17. 3. zoo zoude egter saselkamps debet dan nog importeeren - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - pra/o 16019. 20: 7. Van dewelke weeder detraheere het restant debet van den overleedene Crucous, hoewel het selve veel voor Reekening van Haselkamp blijft, een hier eenelijk gesteld werd ten eijnde aantetoonen hoe Transporteere - - - - - - - pa/o 16019. 20. 7.
English
Carried forward - - - - - pagodas 16019. 20. 7. how much Haselkamp additionally was short, the said remaining debt then amounting to - - - - - - 6880. –. – so that Haselkamp's shortfall would then still amount to a considerable sum, thus entirely overturning what was posited by him, that it has never been demonstrated that he remained indebted a single duit to the Honorable Company, nor had ever been condemned to the payment of any shortfall, thereby clearly demonstrating that he made use of untruths and thereby attempted to give Your Right Honorable an entirely different impression than was consistent with the true state of affairs. — For further clarification and in compliance with what was ordered, we further offer to Your Right Honorable under Letter K: K: another drawn-up separate account to show to what extent his cash shortfall was settled out of his own assets and outstanding credits; namely: The proceeds from the sale of his goods, and collected debts amount to - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - pagodas 5056. 20. 31 To which is added the credited - - - - - - 377. 2. —. The amount of his outstanding salary - - - - pagodas 6233. 22. 31. Carry forward from - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - pagodas 9139. 20. 7. 182 salary out of Together, his assets and credits - - - - - - pagodas 6482. 8. 74. Add to this the amount paid by the Curators for the account of the widow Crucius in reduction of her husband's debit - - - - - - - - - - - - 5463. 8. 20. And as a balance, Haselkamp still remained to pay - - - - 5467. 19. 79. - thus making together the sum of his Debit - - - - - - - - pagodas 17412. 13. 10 It appearing from this that Haselkamp's estate was far from sufficient to fully liquidate his debit to the Honorable Company, so that one was compelled, for the full settlement of the aforesaid remaining balance, according to an account also annexed hereto under Letter L: L:, to employ the following moneys; namely: The amount paid by the Curators out of the collected auction proceeds - - - - - - - - - - - - pagodas 155. 7. 79. The amount paid out of the estate of the Former Governor van Teijlingen according to the resolution of the Coromandel Government dated 20 September 1766, see annex hereto Letter C: C:. - - - - - - - - - 1200. —. — The amount paid by the guarantors for Haselkamp's service, the Captain-Commandant and Head of the militia carried over Carry forward - - - - pagodas 4355. 7. 79. - - - - - - - - - 248. 10. 40. Carried forward - - - - - - pagodas 6233. 22. 31. 22. 31. Carried forward - - - - - - - - - pagodas 1355. 7. 22 Haartwigh Bonte, and the repatriated Chief Surgeon of this Castle, Danid George Esscher, in conformity with the resolution of 12 August 1766 under Letter D: D: - - - - - - - - - - - - 1000. —. — Paid - - - - - - - - - - - pagodas 5355. 7. 24 Therefore Haselkamp still remains indebted Pagodas 112. 12. — being the amount of his credited salary for the financial years 1747/8 and 1747/9, in conformity with two copies of pay accounts, taken among others into the trade books here to the credit of his account, which now, however, upon the report of the head of the General Pay Office in Batavia that the original accounts had already been sent to Europe in 1749 in proper form for collection there, will have to be written back, and for that reason the aforesaid amount from the moneys to be collected will have to be supplemented by the Curators with - - - - 112. 12. — whereupon the aforesaid balance of Account Letter K: K: will then be completed. - - pagodas 5167. 19. 79 Regarding the item of the payment out of the estate of van 183 van Teijlingen, we must further note here that Haselkamp, shortly before his departure from here, in payment or rather in reduction, as he imagined, of the auction proceeds of the goods already sold by him and those still to be sold, handed over to the same a sum of 2000 new Negapatnam pagodas, or in old pagodas - - - - - - - - - - - - - - - pagodas 1851. 20. 36. And that notwithstanding he claimed to have such a considerable claim of pagodas 11579. 15. 60. on van Teijlingen, yet those auctioned goods that were again credited to Haselkamp in the current account of the Curators amounted to - - - - - - - - - - - - 1656. 16. 68. Thus Haselkamp would still be short pagodas 195. 3. 55. Haselkamp declaring that he furnished the aforesaid auction proceeds out of the moneys of the Honorable Company, which not only is not permitted to happen, but also serves as new proof of negligence, in that he handed over more than his auction actually amounts to; however, in case it might please Your Right Honorable, upon the receipt of moneys in favor of Haselkamp, to have the same transferred to the credit of the 1200 pagodas employed out of the estate of van Teijlingen, the aforesaid overpaid amount of pagodas 195. 3. 55 could then be withheld or indeed validated out of the aforesaid furnished 1200 pagodas.
Dutch transcription
Per Transport - - - - - pr/o 16019. 20: 7. hoe veel Haselkamp buijten dien te kort gekoomen is bedraagende dan gedagte Restant schuld - - - - - - „ 6880. –. – zoo dat ssaselkamps te kort kooming dan nog veel soude importeeren een aansienelijke somma Vervallende dus ten eenemaal om verre het geposeerde door hem, dat men nog nimmer heeft aangetoond dat hij oen duijt aan d' E: Comp=e te quaad is gebleeven, nog novijs gecondemneerd is tot de betaaling van eenige te kortkoming toomende daarmeede klaar aan, dat hij sig van Onwaar„ heeden bediend, en daar door getragt heeft Haar Hoog Edelens een geheel ander denkbeeld te geeven, dan met de waare gesteldheijd der zaaken geleegen was. — Tot verdere ofheldening en in naarkooming van het aan„ bevoolene, bieden wij uwel Edele Gestr: onder L=ra K: K: alverder aan, nog een geformeerde appaerte Reekening ter aantooning in hoe verre zijn tekort koming bij Cassa uijt zijn eijge middelen, en uijtstaande Crediten vereffend is; teweeten: Het geproflueerde uijt den verkoop zijner goederen, en ingepalmde schulden importee„ ppro/o 5056. 20. 31 ren Waar bij adveere het ten goede gebragte - - - - - - „ 377. 2. —. Het bedraagen zijner te goed hebbende gagie - - - - pa/o 6233: 22. 31. Transporteere van - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - pag: 9139. 20. 7. 182 gagoe „ uijt Tesaamen„ sijn middelen en Crediten - - - - - - pa/o 6482. 8. 74. Voege daar bij het betaalde door de Curatoren voor reekening van de weduwe Crucius in minde„ ring van haar mans debet _ _ _ _ _ - - - - - - „ 5463: 8: 20. En per saldo bleef haselkamp nog 2e bet - - - - „ 5467. 19. 79. - uijtmaakende dus te saamen de somma van - - - - - - - - pug: 17412. 13. 10 zijn Debet Blijkende hier uijt dat haselkamps besitting in verre na niet toerijkende geweest is, om zyn debet ten vollen aan d' E: Comp=e te lequideeren, invoegen men genood„ saakt geweest is, tot de volle verevening van het voor„ meld ter quaad gebleevene saldo, na luijd eener deesen almeede onder L=a L: L: bijgevoegde reekening te Om„ floijeeren de Ondervolgende gelden; als: Het getelde door de Curatoren uijt de ingesalmde vendu„ – – - - - - - - - - - - - p% 155. 7. 79. penningen Het betaalde uijt den boedel van den Geweesen gouverneur van Zeijlingen volgens besluijt der Cormandelse Regeering der dato 20:' 7ber: 1766. vide bijlaag deeser L=ra C: C:. - - - - - - - - - „ 1200. —. Het getelde door de borgen voor Htasel kamps dienst „den Capitain Comaandant en Hoofd der militie verte Transporteere - - - - pr/o 4355. 7. 79. - - - - - - - - - „ 248. 10. 40. Per Transport - - - - - - pa/o 6233. 22. 31. 22. 31. Per Transport - - - - - - - - - pa/o 1355. 7. 22 Haartwigh Bonte, en den Gerepatrieerden opper„ chirurgijn deeses Casteels Danid George Esscher Conform besluijt van den 12. ' Aug=s 1766: sub Lettra D: D: Over sulx blijft Hasel Ramp nog debet Pag: 112. 12. — of het bedraagen sijner te goed gemaakte ga„ gie van de boekjaaren 174 17/8 en 174 7/9. Conform 2. Copoa zoldij reekeningen, onder meerdere bij de negotoeboeken alhier, ten goede zijner reekening ingenoomen, dog als nu of het berigt van het opperhoord over het Generaal zoldij Comptoir te Batavia, dat de Origineele Reekeningen bereeds in den Jaare 1749. in behoorlijke forma na Europa ter ontfang aldaar overgesonden zijn, weeder zullen moeten werden te rug ge„ schreeven en uijt dien hoofde het voormelde bedraagen uijt de intepalmene penningen door de Curatoren zullen moeten werden ge„ suppleerd met -: als wanneer dan sal koomen te accomple„ teeren, het voorm: saldo der Reeckening Let„ tra K: K: . -. pag: 5167. 19. 79 Ten belange van de post van het betaalde uijt den boedel van – – – – – - - - - - - pag: 5355:7: 24 –– – – – – – – – – – – - „ 1000. Teld – - - - „ 112. 12. — Van 183 van Teijlingen moeten wy hier nog noteeren dat gasel„ kamp aan denselven kort voor desselvs absenteering van hier tot afbetaling of wel mindering soo hij zig verbeel„ de van de vendupenningen van de door hem reeds ver„ kogte en nog te verhoopene goederen afgegeeven heeft een somma van 2000: neuwe nagapatnamse pagoo g„ – – – – – – – – – – – – – – - – - pag: 1851. 20: 36. den af oude --- En dat niet teegenstaande hij een soo Considerable pretentoe van bag:. 11579. 15. 60. of van Teijlingen sustooreerde te hebben, dog die gerenduceerde goederen, dewelke Maselkamp weeder ten goede gebragt zijn bij de Reekening Courant van de Curatoren bedraagen waar - - - - - - - - - - - -- „ 1656. 16. 68. Des zoude haselkamp nog te kort komen pr/o 195. 3. 55. Verklarende saselkamp voormelde vandu penningen uijt de gelden van d' E: Comp=e verstrekt te hebben, dat niet alleen „blyk van niet geschieden mag, maar ook tot een nieuwe „ sloffig„ heijd strokt, dat hij meerder afgegeeven heeft, daen sijn venduwel bedraagd, dog ingevalle uwelEd: Gestr: beha„ gen mogte bij inkooming van penningen ten faveure van Haselkamp deselve te laaten overschrijven ten goede van de uijt van Teijlingen zijn boedel g'em„ ploijeerde 1200. pag. , zoo zoude voorsz: te veel betaalde montant van pag: 195. 3: 55: kunnen afgehouden, of ook wel gevalodeert werden uijt de voorm: gefourneerde 1200 fagoolen.
English
pagodas, in which case Haselkamp would then run in debit to the estate of Van Teijlingen for no more than pagodas 4004. 20. 25. The debit of Haselkamp to the Petty Cash, and how far the same has been diminished out of his own means and uncollected credits, and which moneys further have been taken and employed towards its full liquidation, together with what the same presently still remains in debit as a balance, having been demonstrated as clearly as has been possible from the previously cited accounts marked K: K: and L: L:, we therefore proceed to demonstrate what moneys etcetera have been collected by the Curators, and what has been paid out of that in turn, consequently offering to your Right Honourable Sir in respect a draft account thereof, marked M: M:, according to which I briefly state below that the Curators have collected from outstanding vendue moneys a sum of pagodas 6348: 10: 8. And that which was paid out of it amounts to 6347: 10: 8. So that there still remains unaccounted for under their charge pagodas 1: —. —. Among the aforesaid paid amounts is also included that which was received after the Cash was liquidated with the moneys of Van Teijlingen and the guarantors, and which was also counted into Cash by the Curators, in order to be remitted by bill of exchange to Batavia pursuant to the renewed order of their High Mightinesses, or the final writ obtained by Haselkamp dispatched hither, as has also been done according to what was recorded hereinbefore, being pagodas 668. 8: 38, or after the deduction of a 4 per cent discount, pagodas 641. 14. 70. Just as among those collected vendue moneys is also found the proceeds of the goods sold for the account of Van Teijlingen, amounting, as has been cited hereinbefore, to pagodas 1656. 16. 61, for which Haselkamp has paid out of the moneys of the Honourable Company to an amount of 2000 new pagodas; consequently, he will have employed against that the vendue moneys that were under his charge or collected by himself toward the partial expenditures from the Company's Petty Cash; therefore it was all the same whether he advanced the Company's or actual vendue moneys to Van Teijlingen, to whom was indeed handed over by him more than the vendue amounted to; we have therefore had to leave the same among the uncollected vendue moneys in our drawn-up account, because out of that could be paid again the overdue vendue moneys of Haselkamp to various leaseholders, which were also the Company's moneys, besides several other expenses. Just as in the same manner it is situated and employed to that same end, the amount paid out of the estate of Wienaijgom to a sum of pagodas 1269. 12. —, and that which was received from the Native Moetoe Kistna Condappa Naijker of pagodas 261: 9: 58. We furthermore attach hereto under letter N: N: a short indication of that which is still to be received in favour of Haselkamp's estate, which, after deduction of that which he remained in debit at the closing of the account under letter K. K:, still amounts to pagodas 2039: 2. 54. To which are added the aforementioned moneys received in the past year after the liquidation of the Cash and, among others, remitted to Batavia by bill of exchange, in order, in case it might please your Right Honourable Sir, to request from their High Mightinesses their return remittance and crediting hither, to be negotiated here, both in favour of the guarantors and the account of Van Teijlingen, pagodas 641. 14. 70, so that the amount to be received in favour of Haselkamp will then amount to pagodas 3079. 17. 44. We also send along with this under letter O: O: a demonstration, to show how far the debit of the deceased Francois Crucous to Haselkamp will be settled when the moneys from Ceylon shall have been received, according to which Crucous' widow will then still remain in debit an amount of pagodas 224. 4. —. Just as we finally also offer to your Right Honourable Sir under letter P: P: a note of such private debts as the said Haselkamp has incurred and left behind here, according to the vouchers thereof, amounting in general to pagodas 10652: 12: 2; the items appearing therein that require reflection are the following, namely: The amount paid out of the estate of Van Teijlingen in reduction of Haselkamp's debit to the Petty Cash, pagodas 4200. —. —. Item by the guarantors, 1000: —. —. The vendue moneys still owing, 673. 16. 62. And the sequestration moneys still remaining in debit, 64: 8. 9. Together, pagodas 5938. —. 71. Likewise the amount taken up from the now deceased skipper and Master Attendant Cornelis Vos, pursuant to a private bond of 21 July 1765, pagodas 918. 23. 36. Item from the former First Clerk here, Leonard Raspoet, as appears from a private bond of 22 July 1765, pagodas 1045: 8: 40. One from the Native Beria Moetoe Chetty on a private bond of 31 July 1765, amounting to pagodas 870 new Nagapattinam, but after deduction of what has been paid thereof, there still remains 537. —. 23. Together, pagodas 2501. 8. 19. Which last three items are owing, contracted just before the board money day of primo August, or a few days before his arrest.
Dutch transcription
pagooden als wanneer dan haselkamp aan van Teijlingen zijn boedel voor niet meer debet zoude loopen als bogoo„ door 4004. 20. 25. -„. Het debet van hasalkamp aan de Bleene Cas, en hoo verver het selve uijt zijn eijge middelen en ongevorderde Crediten gediminueerd is, en welke penningen wijders tot dies volle liquidatie genomen en g'emploijeert zijn, mitsg:s wat denselven tans nog per zaldo debet blijft, uijt voo„ ren gecoteerde reekeningen L=ra K: K: on L: L: soo Klaar als maar mogelijk is geweest, aangeweesen zijnde, zoo tor„ den wij over te demonstreeren wat voor penningen etc=a door de Curatoren ingefalmt zijn, en wat daar uijt weeder betaald is, biedende uwel Edele gestr: dienvolgens in Eerbied aan, een daar van ventworpene reekening geletterd M: M: Com„ form dewelke hier onder hortelijk stelle dat de Curatoren van uijtstaande vendupenningen ingepalme hebben een Com„ ma van - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - pa/o 63487: 10:8: En het daar uijt betaalde sommeerd - - - - - - - „ 6347: 10: 8: zoo dat nog onder haar, verandwoordong blijft pr/o 1: —. —. Onder het voorsz: betaalde is meede begreepen hot geen in„ gekreegen is, na dat de Cas met de gelden van van Jeijg lingen, en de borgen geliquideerd was, en door de Cura„ toren meede in Cas geteld is, om ingevolge de gerenereer„ de ordre van haar hoog Edelens, of het bij haselkamp geobtineerd mandament fonaal dit heen afgevaardigt per. 184 per assignatie naar Batavia overgemaakt tewerden, ge„ lijk ook naar het aangeteekende hier vooren geschied is zijnde pag: 668. 8: 38. of na de substractie van 4. p:r C=to Rabat pag: 641. 14. 70. soo als onder die ingepalende venduffenningen sig ook bevind het provenu van de voor reekening van van Teijlingen verkogte goederen monteerende gelijk hier vooren aangehaaldt is pagooden 1656. 16. 61. waar voor Nasolkamp uijt de gelden der E: Comp=e tot een mon„ tant van 2000. nieuwe pagrodeen betaald heeft; gevolge„ lijk zal hij daar en teegen de onder hem geweest zijnde of de door hem selve ingevorderde vendupenningen weder g'emmploijeerd hebben tot de gedeeltelijke uijtgavens uijt sComp:s kleene Cassa, oversulx was om het even, of hij sComp=s dan wel weesendlijke vendupenningen aan van Teijlingen heeft verstrekt; aan wien tog door hem meerder afgelangt is, dan de vendutie bedroeg, wij hebben dierhalven deselve onder de ongevorderde ven„ dupenningen bij onse geformeerde reekening moeten laaten, om dat daar uijt weeder betaald konden wer„ den de agterstallige vandupemn: van haselkamp aan di„ verse pagters die ook sComp=s gelden waaren; buijten meer andere uijtgaven. Gelyk inselver voegen het ook geleegen en tot dat selfde eijnde g'omploijeerd is, het betaalde uijt de boedel van Wienaijgom tot een montant van prso 1269. 12. „ en ling en het ingekoomene van den Jnlander Moetoe Kistna Condappa naijker of pag: 261: 9: 58. Wij voegen voorts deesen Onder L=a N: N: nog bij, een korte aanwijsing van het geene ten voordeele van Haselkamps boedel nog staat inte Boomen, dat naar aftrek van het welke hij nog debet is gebleeven bij slot van Reekening sub L=ra K. K: nog om„ porteerd. - No9. 2039: 2. 54. Waar bij voege de voormelde in anno Vast=e na de loquidatie van de Cas ingekoomene penningen en Onder meerdere na Batavia ter wissel overge„ maakt, om ingeval het uwel Edele Gestr: behaagen mogte dies terug overmaking en ten goede bren„ ging naar herwaards van haar hoog Edelens te versoeken, om alhier verhandeld te werden, soo ten voor deele van de borgen als de Reekening van Van - „ 641. 14. 73. zullende dan het intekoomene ten voordeele van Haselkamp: importeeren - - - - - - - - - - - - pps/o 3079. 17. 44. Ook zeggen wij neevens deesen over sub L=a O: O: een aantoo„ ning, ten blijke hoe verre het debet van den overleedene Francois Crucous aan haselkamp vereffend zal weesen wanneer de gelden van Ceijlon ontfangen zullen zijn, vol„ gens dewelke dan Crucous weduwe nog debet zal blijven, een montant van pag: 224. 4 –. Teijlingen - - - - - - - - - - - Soo - 185 soo als wij eijndelijk uwel Edele gestr: onder L=a P: P: ook aanbieden een notitie van sodanige particuliere schul„ den als gedagte Haselkamp alhier heeft gemaakt en naar gelaaten, volgens daar van zijnde bewijsen, sommeerende in het generaal pag: 10652: 12: 2: de daar in voorkoomende posten die reflectie vereijsschen, zijn de volgende; als: Het betaalde uijt den boedel van van Teijlingen in minde„ ring van Haselkamp debet aan d' kleene Cassapso 4200. –. stoom door de borgen - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 1000: —. De nog schuldig zijnde vendupenningen – - - - - - „ 673. 16. 62. Ende nog de bet gebleevene sequestratie gelden - - - „ 64: 8. 9. Te Saaceer - - - - - - - - - pag: 59387. —. 71. Soo meede het opgenoomene van den thans overleedene schif ber en Equirpfagimeester Cornelis Der Vos Conform onder handse obligatie van den 21. Julij 1765. - - - - pa/o 918. 23. 36. Item van den geweesen Eerste Clercq alhier Leoners Caaopoe blijkens onderhandse obligatie van den 22.' Julij 1765. .- Een van den Jnlander Beria moetoe Chottij off een Onderhandse Obligatie van den 31. Julij 1765. groot pag: 8710: nieuwe nagapatnamse dog naar aftrek van het daar of betaalde vosteerd nog – – – – –„ 537. – „ 23. Tesaamen . - - - - Pag: 2501. 8. 19. welke drie laaste bosten schuldig zijn; even voor de kostgold dag van primo Aug=s of eenige daagen voor zijn arresteering – – „ 1045: 8: 40. gemaakt
English
made, presumably these moneys served in part for the payment of the July wages and the board money for August, so that all means were employed to keep the deficit or the true condition of the Cash Office still concealed, and that still to the prejudice and ruin of those who still placed any trust in him. With respect to the remaining debit entries, we refer with great respect to the aforementioned note, and having thus reached the end of this, we trust that we may be so fortunate as to obtain for our conduct and handling in this commission entrusted to us Your Right Honourable Sirs highly esteemed approval, concerning which we have endeavoured to demonstrate to the same the essential condition of the matter treated herein as clearly and distinctly as has ever been possible for us, and as the chain of irregularities and obscurities has permitted, which consequently has caused nothing but extraordinary trouble in searching for and collecting all that was found necessary to commit to paper what was ordered by Your Right Honourable Sirs, whom we further commend to the providence of the Lord, and for the rest subscribe ourselves with the utmost veneration. Below stood: Right Honourable Sir and Sirs, Your Right Honourable Sirs very 186 very humble and obedient Servants. Was signed: Wm Duijnevelt and Js Schuneman. In the margin: Nagapatnam In the Castle The 15 August 1769. Agreed. W Duynevel Sum Pagodas 83463. 4. — 1762 as of the last of August for the balance see survey Pagodas 13075. 2. 70 1762 September received on 16 warrants and from the large Cash Office 9988. 21. 68 October on 19 warrants 7174. 7. 60 November on 23 warrants 7569. 16. 20 December on 22 warrants 9588. 17. — 1763 January on 6 warrants 2699. 15. — February on 12 warrants 3848. 18. — March on 7 warrants 6612. 1. 30 April on 11 warrants 7129. 10. 30 May on 11 warrants 6915. 17. 10 June on 18 warrants 6940. 10. 44 Debit Statement of accounts of the Company's small Cash Office, which, by the honoured order of the Governor and Director of this Coast of Coromandel with the dependencies thereof, was transferred by the outgoing Cashier Francois Crucius to the newly appointed ditto Johannes Hazelkamp in the presence of the Express Commissioners, the Honourable Pierre Jean Louis de Filliettaz, First Warehouse Keeper and Trade Bookkeeper, and Cornelis Pietersz, Adigar and Mintmaster; namely: Nagapatnam In the Castle the last of July Anno 1763. Below stood: for the transfer was signed: Ps Crucius. Lower: for the receipt signed: Js Hazelkamp. In the margin: present before us as commissioners was signed: P: J: L: de Filliettaz, and Corns Pietersz. In the middle: written in his own hand by the Honourable Mr. D: C: Visscher, with a note that of the aforementioned Pagodas 642. 23. 10 disbursed to Mr. Marchant, Pagodas 231. 11. 50 was charged to Colombo since the invoice of the 19 January 1764, for which the Cash Office is to be credited, thus the warrant must be reduced by so much. Below stood: agreed was signed: W: Duynevelt Secretary. 188 Honoured order of the Right Honourable Sir Christiaan van Teijlingen, Governor and Director of this Coast of Coromandel with the dependencies thereof, by the outgoing Cashier Francois Crucius to the newly appointed ditto Johannes Hazelkamp in the presence of the Express Commissioners, the Honourable Pierre Jean Louis de Filliettaz, First Warehouse Keeper and Trade Bookkeeper, and Cornelis Pietersz, Adigar and Mintmaster; namely: Credit 1762 as of the last of December for disbursements on 77 warrants, the Wage Rolls etc. Pagodas 6444. 19. 20 October on 80 warrants 4862. 10. 30 November on 89 warrants 5484. 7. 30 December on 69 warrants 6311. 5. 70 1763 January on 85 warrants 4642. 10. 50 February on 72 warrants 7224. 12. 60 March on 65 warrants 4840. 18. 60 April on 62 warrants 5925. —. 20 May on 74 warrants 4498. 1. 10 June on 73 warrants 5507. 10. 10 By Memorandum To the Engineer Dauntsfeld see warrant Pagodas 6271. 19. 10 To Deacon Cashier Willem Duijnevelt ditto 400. —. — To the Honourable Filliettaz as former supervisor of works according to warrant 1000. —. — To Adigar of the villages Suttan ditto 1700. —. — French Commander Mr. Marchant according to warrant 500 new Pagodas or 462. 23. 10 To Captain of the French Hussars Bent on 2 warrants 300 new or 277. 18. 60 To Farmers 102. 6. 50 To Head Chialengeniers 40. —. — To Minters 150. —. — Subtotal 10404. 19. 50 In Cash In new Nagapatnam Pagodas making old Pagodas 14791. 14. 30 In fanums 2400. —. — Subtotal 17317. 7. 70 Total Pagodas 83463. 4. — Agreed W Duynevelt
Dutch transcription
gemaakt, presumptief hebben die penningen gedeeltelijk gediend tot de verstrekking van de gagie van Julij in het kostgeld voor Aug=s, invoegen alle middelen aangewend sijn om de te kortkoming of de weesendlijke gesteldheijd van de Cast als nog bedekt te houden, een dat nog tot prejuditie en ruine van de geene, die nog eenig vertrouwen in hem hebben gestelde, ten opsigte van de overige debet posten refereeren wij ons met veel eerbied aan gemelde notitie en dus tot den eijnde deeses geraakt zijnde, vertrou„ wen wij zoo geluckig te zullen moogen zijn onse ver„ rigting en behandeling in deese aan ons toevertrouwde Commissie uwel Edele Gestrengens seer gerinereerde goed„ keure, waaromtrend wij betragt hebben Hoogst deselve den weesentlijken toestand der in deese verhandelde zaak zoo klaar en duijdelijk te demonstreeren, als ons maar immers mogelijk geweest is, en de aaneenschake„ ling van inregulariteyten en duijsterheeden toegelaaten hebben, die dus ook niet dan ongemeene moeijte ver„ oorsaakt heeft, in het opsoeken en bij eenbrengen van alle het geen men bevond nodig te hebben tot het ten papiere brengen van het aanbevoolene door uwel Edele gestrenge die wij verders in de providentie des Heeren beveelende, voor het overige ons met de uijtterste veneratie onderschrijven /:Onderstond:/ Wel Edele Ge„ strengen Heer en sseeren, uwel Edele Gestrengen seer 186 seer onderdanige an gehoorsaame Dienaaren /:was geteekend:/ W=m Duijnevelt en J=s Schuneman /:In margine:/ naga„ patnam In 't Casteel Den 15: augustus 1769. —. Accordeerd. —. W ruynevel Somma Pa/o 83463. 4. — 1762 abij ulto augs a 't restant viede opneem P ar/o 13075. 2. 70: 1762 „ „ Zeptemb: - „ ontfangene op 16. ordonnanties en uijt de groote geld Cassa „ 9988. 21. 68 „ „ October „ „ _ „ 19. — 7174 760. „ „ Novemb: „ „ _ „ 23. — „ 7569. 16: 20: „ 9588. 17. –. 1763 „2699. 15. -. „ 3848. 18. - „ 6612. 1. 30. „ 7129. 10. 30. 6915. 17. 10. „ „ Decemb: „ „ _ „ 22. _o „ „ „ „ februarij „„ _o „ „ _ „ 12. _ „ „ „ „ Maart „ „ „ „ April „ „ _ „ 11. _ „ „ 1763. „ „ Jannuarij „ „ _ „ 6. — „ „ _o „ 7. — „ „ „ „ Maij „ „ _o „ 11. _o „ „ Staatreekening van s Comp:s kleene Geld Cassa, dewelke ter Geere, ordre Gouverneur en Directeur deeser Custe Cormandel met den resorte van dien, aangestelden dito Johannes Hatelkamp werd overgetransporteerd er Louis de filliettar, Eerte pakhuijsmeester en Negotie boekhouder, Nagapatnam Int Casteel ult„o Julij Anno 1763. /:onderstond:/ voor de zelkamp /:in margine:/ ons present als gecommitteerdens /:was getekend:) P: J: L: de Fil een nota, van de vorenstaande p/o: 642: 23: 10. aan mons. r Marchant, verstrekt zijn sede staat gecrediteerd te worden, dus de ordonn: met sooveel moet werden verminderd . /:onde „ „ Junij „ „ _o „ 18. — _ „ „ _„o „ _ „ 6940. 10. 44 Lebet - - 188 3. 4— Geerde ordre van den welEdelen agtb: Heer Christiaan van Teijlingen, te van dien, door den afgaande Cassier francois Crucius aan den nieuw porteerd ter presentie van de Extresse Gecommitteerdens, dE:s Pierre Jean houden, en Cornelis Pietersz:, Adigaar en Muntmeester; Namentlijk: „ „ febr: „ „ „ Maart „ 74. 7. 60. „ „ 9ber: „ 69. 16. 20: „ „ xber „ 88. 17. —. 1763 „ „ Januarij 12. 1. 30. „ „ April „ Pr. Memorie Aan den Ingenieur Dauntsfeld vide ordonnantie pra/o 6271. 19. 10. „ „ Diacon Cassier Willem Duijnevelt Iem - - - „ 400. –. —. „den E: fillietvaz als gewezen opziender der werken volgens ordonnantie - - - - - „ 1000. —. —. „ Adigaar der dorpen Suttan Idem _ _ - - - „ 1700. —. —. france Commandant Mr. Marchant volgs. or„ donnantie nieuwe pra/o 500. of - - - - - - „ 462. 23. 10. „ Capitain der france Ausaaren Bent op 2. ordon„ nantie 300. nieuwe of - - - - - - - - „ 277. 18: 60. „ Landbouwers - - „ „ Hoofd Chialengeniers - - - - - - - - - „ 40. –. –. „ 10404. 19. 50. In Contant Aan nieuwe pag: Nagap=s makende oade - - - pr/o 14791. 14. 30. -„ 2400. –. –. „ 17317. 7. 70. P/o: 83463. 4. -. Somma : / voor de overgave /:was getekend:/ P:s Crurias /:Laager:/ voor den ontfang /:getekend:/ J:s Ha„ P: J: L: de Fillietbar, en Corn.s Pietersz: /: in 't midden:/ eijgenhandig door den E: Heer D: C: Vik geschreven, met trekt zijn sederd bij factuur van den 19=e Januarij 1764. Colombo aan gerekend p a/o: 231:11: 50 waar voor de Cas derd –. /:onderstond:/ accordeerd /:was getekend:/ W: D wijnevelk sw:s -- „ 102. 6. 50. „ „ Munters - - - - -- -- - „ 150. —. —. „ fanums _. . _o „ 62. — „ „ Maij „ _o „ 74. — „ „ Junij „ _o „ 73. _o „ 65. _o _o „ 89. _o _o „ 69. _o 75. 2. 70: 1762 adij ult=o xber: p:r t: verstrekke op 77. ordann:s de Gagie Roll ensz: - - - - - - pa/o 6444. 19. 20. Credit _ „ - - - - - - „ 5484. 7. 30. _ „ - - - - - - „ 6311. 5. 70. _o „ - - - - „ 4642. 10. 50. _ „ - - - - - „ 7224. 12. 60. _o „ - - - - „ 4840. 18. 60. _ „ - - - - „ 5925. —. 20. _ - - - - - - „ 4498. 1. 10. „ „ 8ber „ _o „ 80. _o _o. „ 4862. 10. 30. _ „ - - - - - - „ 5507. 10. 10. J Ruijneret Accordeerd be 21. 64 9. 15. —. 48. 18. —. 29. 10. 30. 15. 17. 18 40. 10. 40 - _o _o „ 85. _o _o „ 72. _o _ _o - - „ - - Ten
English
189 The Honorable David Coenraad Vick, senior merchant, second of Cormandel and Head Administrator here. Have transferred and debited in the trade books the following, namely: Cash under the Cashier Johannes Hazelkamp to Cash under the Cashier François Crucius for a sum of twenty-seven thousand seven hundred twenty-two Pagodas, three fanams and forty cash, or one hundred thirty-three thousand sixty-six Guilders and six stuivers, being the amount for which the last-named, under the last of June last past according to the survey and transfer done under the last of July thereafter, had to account to the first-named, is delivered; namely: 17317: 7: 70 in cash 10404:19:50 in warrants of the monies running per memorandum The receiver Arnoldus Hendrik Hoflager, to: the receiver Abraham Nieuwenhuijsen for an amount of fifty-one thousand two hundred and seventy Guilders, or ten thousand six hundred eighty-one Pagodas and six fanams, being as much as the collective leases under the last of August 1762 yielded for a full year, and for which the last-named was charged in the trade books, but on account of his departure to Palliacatta must be relieved thereof, and the first-named 189 The Honorable David Coenraad Vick, senior merchant, second of Cormandel and Head Administrator here. Have transferred and debited in the trade books the following, namely: Cash under the Cashier Johannes Hazelkamp to Cash under the Cashier François Crucius for a sum of twenty-seven thousand seven hundred twenty-two Pagodas, three fanams and forty cash, or one hundred thirty-three thousand sixty-six Guilders and six stuivers, being the amount for which the last-named, under the last of June last past according to the survey and transfer done under the last of July thereafter, had to account to the first-named, is delivered; namely: 17317: 7: 70 in cash 10404:19:50 in warrants of the monies running per memorandum The receiver Arnoldus Hendrik Hoflager, to: the receiver Abraham Nieuwenhuijsen for an amount of fifty-one thousand two hundred and seventy Guilders, or ten thousand six hundred eighty-one Pagodas and six fanams, being as much as the collective leases under the last of August 1762 yielded for a full year, and for which the last-named was charged in the trade books, but on account of his departure to Palliacatta must be relieved thereof, and the first-named the first-named, as his substitute in his place, must be debited with ƒ51270. -. Nagapatnam in the Castle, the 1st of August Anno 1763. was signed: Ch: van Teijlingen below stood: the trade bookkeeper the Honorable Pierre Jean Louis de Filliettaz debit and transfer the above entries in the manner as stated. Nagapatnam, date as above. was signed: D: C: Vick underneath stood: agreed was signed: Wm Duijnevelt secretary agreed H: Heijnerts LG 190 Extract from the Resolutions taken in the Council of Cormandel at Nagapatnam on Tuesday the 2nd of July Anno 1765. Furthermore, the Noble Lord Governor stated that he had learned with surprise during the inventory taken under the last of May last past of the aforementioned trade warehouses that the following 12 pieces of metal weights, namely: 9 pieces of 50 lb each 1 piece of 25 lb 1 piece of 20 lb 1 piece of 15 lb stood on record under the responsibility of the deceased former trade bookkeeper and first warehouse master Anthonij Bonk, and since this was not only very improper, but also, as was understood indirectly, they had gone missing already for a considerable time during the years of his having served as second warehouse master, it was resolved to have those weights reimbursed in cash to the Honorable Company by his surviving heir, the widow of the bookkeeper and former overseer of the Company's works in this city, François Crucius. underneath stood: underneath stood: Agreed was signed: Leonl: Campie Agreed. D Duijnevelt Letter H 191 Extract from the transfer of the Honorable Company's warehouses here, dated 8th of January 1761, made by the outgoing second warehouse master Fredrik Jan Losecaat to his successor Daniel de Bordes, wherein among other things is stated: 143 pieces of metal weights, namely: 1 piece Troy or standard weight 68 pieces of 50 lb each, to wit: 6 pieces to Northern Cormandel in 3 standard chests, namely: 4 pieces to Jaggernaikpm in 2 chests 2 pieces to Bimilipm 9 pieces under responsibility of the first warehouse master the Honorable Mr. Anthonij Bonk 53 pieces transferred 15 pieces of 25 pounds each, of these: 3 pieces to Northern Cormandel in the 3 above-mentioned chests 1 piece under responsibility of the just-mentioned first warehouse master 11 pieces delivered 3 pieces of 20 pounds, of these: 1 piece under responsibility of the frequently mentioned Mr. Bonk 2 pieces delivered 6 pieces 6 pieces of 15 pounds, whereof: 1 piece under responsibility of Mr. Bonk 5 pieces delivered underneath stood: agreed was signed: Wm Duijnevelt secretary J Ruijnerts Agreed
Dutch transcription
189 Den Heer David Coenraad Vick, opperkoopman, secunde van Cormandel en Hoofd administrateur alhier Laate bij de Negotie boeken Overschrijven in debiteeren de onder„ staande, als: Cassa onder den Cassier Johannes Hazelkamp aan Cassa Onder den Cassier François Crucius voor een Somma van seeven en twintig duijzend Sevenhonderd twee en twintig Pagaoden, drie fanume en veertig Casjes, of Eenmaal hon„ derd drie en dertig duijzend zes en sestig Guldens, en ses stuijvers, zijnde sooveel den Laastgenoemden, ander JaC ult=o Junij Jleeden /: volgens gedaanen opneem en trans„ part Onder ult.:o Julij daar aan:/ moeste verantwoorden aan den Eerstgemelde, is overgegeven; als: 17317: 7: 70. aan Contant 10404:19:50: ordonnanties van de per Memorie loopende gelden — Den ontfanger Arnoldus Hendrik Hoflager, aan: den ontfanger Abraham Nieuwenhuijsen voor een be„ dragen van Een en vijftig duijzend Tweehonderd en seventig Guldens, of thienduijzend Seshonderd Een en taggentig Pagooden en Tes Jamuis, zijnde sooveel als de Gezamentlijke Pagten onder ult=o Aug=s 1762. voor een rondjaar hebben gerendeerd, en waarvoor Laastgemelde bij de Negotie„ boeken is belast geworden, dog mits desselfs vertrek na Palliacatta, daar van moet werden ontheft, En eerstgem: F 189 Den Heer David Coenraad Vick, opperkoopman, secunde van Cormandel en Hoofd administrateur alhier Laate bij de Negotie boeken Overschrijven in debiteeren de onder„ staande, als: Cassa onder den Cassier Johannes Hazelkamp aan Cassa Onder den Cassier François Crucius voor een Somma van seeven en twintig duijzend Sevenhonderd twee en twintig Pagooden, Arie fanums en veertig Casjes, of Eenmaal hon„ derd drie en dertig duijzend zes en sestig Guldens, en ses stuijvers, zijnde sooveel den Laastgenoemden, onder 70C ult=o Junij sleeden /: volgens gedaanen opneem en trans„ part Onder ult:o Julij daar aan:/ moeste verantwoorden aan den Eerstgemelde, is overgegeven; als: 17317: 7: 70. aan Contant 10404:19:50: ordonnanties van de per Memorie loopende gelden — Den ontfanger Arnoldus Hendrik Hoflager, aan: den ontfanger Abraham Nieuwenhuijsen voor een be„ dragen van Een en vijftig duijzend Tweehonderd en seventig Guldens, of thienduijzend Seshonderd Een en taggentig Pagooden en ses Jamuns, zijnde sooveel als de Gezamentlijke Pagten onder ult=o Aug=s 1762. voor een rondjaar hebben gerendeerd, en waarvoor Laastgemelde bij de Negotie„ boeken is belast geworden, dog mits desselfs vertrek na Palliacatta, daar van moet werden ontheft, En eerstgem: F eerstgemelde als dies virvanger in desselfs plaatse moet werden gedebiteerd met - --ƒ51276. -. Nagapatnam Int Casteel P=mo Augustus Ao 1763. (:was getekent:) Ch: van Teijlingen /:laager stond:/ den Negotie boekhouder dE: Pierre Jean Louis de Filliettaz debiteeren en Overschrijven, de vooren„ staande posten in maniere als gezegd :/ Naga„ patnam dato voorsz: /:was getekend:/ P: C: Vick /:onderstond:/ accordeerd /: was getekend:/ W„m Tmijnevelt sec:s —. accordeerd H. Heijnerts L: G: 190 Extract uijt de Resolutien geno„ men in Raade van Cormandel tot Nagapatnam op Dingsdag den 2=e Julij Anno 1765. Wijders zeijde den Edelen Heer Gouverneur met Vernon„ dering bij den Opneem Onder ult„o Meij JLeeden van de meer geciteerde Negotie pakhuijsen vernomen hadde dat de ondervolgende 12. stuks metaale gewigten; als: 9. p:s van 50. lb: ijder 1. „ „ 25. „ 1. „ „ 20. „ bekend standen onser verantwoording van den over„ leeden gewezen Negotie boekhouder en Eerste pak„ huijsmeester Anthonij Bonk, en vermits sulks niet alleen seer oneijgen was, maar ook, gelijk men van tersijde verstond, al voor eenen geruijmen heid onder de Jaaren van het door denselven gefungeerd hebbende tweede pakhuijsmeesterschap vermist geraakt waren, besloot men die gewigten door desselfs nagelaatene Erfgenaame de weduwe van den boekhouder en gewezen opziender over 'S Comp:s werken te deeser steede francois Cruucius in Contant aan dEComp: te laaten rembourseeren 1. „ „ 15. „ /:onderstond:/ „ /:ondesstand:/ Accordierd, /:was geteekend:/ Leonl. Campie Accordeerd. D Ruijnovet L„a H 191 Extract uijt het Transport van sComp. s pakhuijsen alhier in dato 8=e Januarij 1761. gedaan door den afgaande tweede pak„ huijsmeester Fredrik Jan Love¬ waar aan sijn Vervanger Daniel de Bordes, alwaar onder an„ deren staat. 143. –. p:s Metaale gewigten; Namentlijk: 1. – p:s Troij off peijlgewigt 68. – „ van 50. lb: ieder teweeten: 6. – p. s Naar Noorder Cormandel in 3. stand kistjes; als: 4. p. s na Jaggernaikp=m in 2. _. o m 2. „ „ Bimilip= 9. — p:s onder verantwoording van den Eerste pak„ huijsmeester dE: Heer Anthonij Bonk 53. – „ Getransporteerd 15. –. p:s van 25. ponden ieder, hiervan 3. – p„s Na Noorder Cormandel in 3. bovengem: kistjes 1. –. „ onder verantwoording van sooevengem: Eersse pakhuijsmeester 11. –. „ Overgegeven 3. – p. s van 20. ponden, hiervan 1. – p:s onder Verantwoording van meerm: Heer Bonk 2. – „ Overgegeven „ 1. _. 6. pees 6. – p. s van 15. panden, waarvan 1. –. p.s ander Verantwoording van de Heer Bank 5. – „ Overgegeven : /:onderstond:/ accordeerd /: was Yem geteekend:/ W„m Duijnevelt sec: J Ruijnerts Hee Accordeerd
English
Letter S. 192 Thursday the 30th of August 1764. To Cormandel to be charged ƒ41683: 14: 8, or as much as has been profited less on the 166 packs of diverse linens—of which detailed mention was made in the Resolution of the 8th of May of this year, amounting at purchase cost to a sum of ƒ74090: 1: 8—than the purchase price and 38¾ per cent advance, and pursuant to the said decision to have this amount reimbursed by the Governor and the Members of the Council at Nagapatnam who gave their vote to the manufacture and sending hither of those goods contrary to the demands, partly consisting of sorts other than those required, partly from trading posts other than those specified in the demands, and partly having been supplied in excess of the demands, whereof the specific memorandum drawn up here will be forwarded, with strict orders to ensure that the said amount of ƒ41683:14:8 is paid into the Company's treasury without any dispute, or, insofar as the former might not be feasible, that the Company be secured in that regard. Extract from the minutes of what was transacted and resolved in the Council of India. Batavia, in the Castle, the 14th of September 1764. was signed: J:s Wiegersma. Underneath stood: Agreed. was signed: W:m Duijnevelt, Secretary. Agreed, H Ruijnevet. Letter R. 193 For the lower yield, together with an additional 38¾ per cent advance on the purchase cost of the 166 packs of diverse linens sold here by public auction: brought since the year 1762 from this Government over and against the made demands, according to the accompanying specific memorandum for Sumatra's West Coast, to be reimbursed, pursuant to the attached decision of Their High Noble Excellencies of the 30th of August 1764, by the Governor and Council at Nagapatnam as those who gave their vote thereto; the said Governor and Council being required, pursuant to the cited decision, also to ensure that the amount of the same is counted into the Company's treasury without delay, and should this not be feasible for any of them, that the Company then be secured in a responsible manner: ƒ41683:14:8. Underneath stood: Agreed. was signed: W:m Duijnevelt, Secretary. Extract from a Batavia invoice of account sent to Cormandel, dated 24th of September the year 1764. Agreed, H Huijnevet. Letter L. 194 Thursday the 5th of June 1766. It having favorably pleased Their High Noble Excellencies, regarding the ƒ41683:14:8 reimbursed into the treasury in the past year both by the former Governor and the members of this assembly, being the loss incurred on the 166 packs sold at Batavia, to let it suffice with 25 instead of the 38¾ per cent previously calculated for loss of profit, and to have the aforementioned now fixed percentages borne one-third by the Governor, one-third by the second, and one-third by the collective Councillors; it was thus understood to regulate that settlement accordingly, to have a neat account drawn up to that end, and to submit it at the next opportunity. Underneath stood: Agreed. was signed: W:m Duijnevelt, Secretary. Extract from the Resolution taken in the Council of Cormandel. Agreed, J Swijnevat, Secretary. Letter L. 194 Thursday the 5th of June 1766. It having favorably pleased Their High Noble Excellencies, regarding the ƒ41683:14:8 reimbursed into the treasury in the past year both by the former Governor and the members of this assembly, being the loss incurred on the 166 packs sold at Batavia, to let it suffice with 25 instead of the 38¾ per cent previously calculated for loss of profit, and to have the aforementioned now fixed percentages borne one-third by the Governor, one-third by the second, and one-third by the collective Councillors; it was thus understood to regulate that settlement accordingly, to have a neat account drawn up to that end, and to submit it at the next opportunity. Underneath stood: Agreed. was signed: W:m Duijnevelt, Secretary. Extract from the Resolution taken in the Council of Cormandel. Agreed, J Ruijnevert, Secretary. Letter L. 194 Thursday the 5th of June 1766. It having favorably pleased Their High Noble Excellencies, regarding the ƒ41683:14:8 reimbursed into the treasury in the past year both by the former Governor and the members of this assembly, being the loss incurred on the 166 packs sold at Batavia, to let it suffice with 25 instead of the 38¾ per cent previously calculated for loss of profit, and to have the aforementioned now fixed percentages borne one-third by the Governor, one-third by the second, and one-third by the collective Councillors; it was thus understood to regulate that settlement accordingly, to have a neat account drawn up to that end, and to submit it at the next opportunity. Underneath stood: Agreed. was signed: W:m Duijnevelt, Secretary. Extract from the Resolution taken in the Council of Cormandel. Agreed, J Swijnevat, Secretary. Letter L. 194 Thursday the 5th of June 1766. It having favorably pleased Their High Noble Excellencies, regarding the ƒ41683:14:8 reimbursed into the treasury in the past year both by the former Governor and the members of this assembly, being the loss incurred on the 166 packs sold at Batavia, to let it suffice with 25 instead of the 38¾ per cent previously calculated for loss of profit, and to have the aforementioned now fixed percentages borne one-third by the Governor, one-third by the second, and one-third by the collective Councillors; it was thus understood to regulate that settlement accordingly, to have a neat account drawn up to that end, and to submit it at the next opportunity. Underneath stood: Agreed. was signed: W:m Duijnevelt, Secretary. Extract from the Resolution taken in the Council of Cormandel. Agreed, J Ruijnevat, Secretary.
Dutch transcription
La S. 192 Donderdag den 30=e Augustus 1764. Naar Cormandel aanteriekenen ƒ41683: 14: 8. ofte sooveel op de 166. pakken diverse Lijwaaten waar„ van in het breede mentie is gemaakt bij Resolu„ tie van den 8=e Meij deeses Jaars inkoops beloopende een montant van ƒ74090: 1:8. minder geprofiteerd is, dan den Inkoops prijs, en 38¾. p„r Cento advans en dies bedragen Conform het gemeld besluijt te laaten vergoeden door den Gouverneur en de Lieven van den Raad te Nagapatnam die hun stein gegeven hebben tot het aanmaken en herwaards zenden van die soeken Contrarie de de Eijsschen, als deels in andere dan gevorderde foorren, bestaande deels van andere als de bij de Eijssohen gespecificeerde Comptoiren en Voor een gedeelte boven de Eijsschen voldaan zijnde, waar van de alhijer opgemaakte specificque Memorie zal werden toegezonden, met ernstig bevel om te bezorgen dat het gemelde mon„ tant van ƒ41683:14:8. sonder eenig dibaij Extract uijt de Notulen van het Gebesoigneerde en geresolveerde in Raade van India in— op in sComp:s Cassa geteld of de Compagnie daar omtrend in sooverse het eerste niet doenlijk mogte wezen gesecuireerd werden. Batavia In't Casteel den 14=e September 1764. /:was getekend:/ J:s Wiegersma /:onder„ stond:/accordeerd /:was geteekend:/ W„m Duijnevelt sec:s Accordeerd H Ruijneret J L„a R 193 Over het minder Rendement nevens nog 38¾. p„r Centor advans op het inkoops kostende der alhier per Publicque vendutie verkogte 166. Pakken met diverse Lijnaaten: Seederd anno 1762. van dit Gouvernement boven en tegens de gedaane Eijs„ „schen, volgens overgaande specificque Memorie voor Sumatras west Cust aangebragt, om inge„ volge annexe besluijt van Haar Hoog Edelens van den 30. e Augustus 1764. door den Gouverneur en Raad tot Nagapatnam als die hun Item daar toe gegeven hebben, vergaed te werden, zullende volgens geciteerd besluijt Gemelde Gouverneur en Raad teffens moeten bezorgen, dat het be„ dragen derselve sonder uijtstel in s Comp:s Cassa geteld, en sulks van eenige niet doenlijk zijnde, als dan de Maatschappije op een ver„ andwoordelijke wijze gesecureerd werde ƒ41883:14:8. /:onderstond:/ accordeerd /:was geteekend:/ W=m Duij„ nevelt sec:r Extract uijt een Batavias Factuur van aanreekening na Cormandel gezonden, de dato 24=e September anno 1764. —. accordeerd H Huijnevet Lae nd 1 L: L. 194 Donderdag den 5. e Junij 1766. Haar Hoog Edelheedens Gunstiglijk behaagd hebbende, nopens de in anno passo soo door den gewezen Gouverneur als de Leeden deeser Vergadering in Cassa gerembourseerde ƒ41683:14:8. , zijnde het gevallene Verlies op de te ba„ tavia verkogte 166. pakken te laaten volstaan met 25, insteede van de bevoorens voor winstderving bereekende 38¾. percento, en de voormelde thans gefixeerde percentos 1/3. door den Gouverneur, 1/3. den secunde, en 1/3. door de Gesamentlijke Raadslieden te doen dragen; soo wierd verstaan, die voldoening daarna te reguleeren, ten dien einde een nette aan„ koning te doen formeeren, en per naasten indienen /:onderstond:/ accordeerd /:was geteekend:/ W=m Duijnevelt sev:s Extract uijt de Resolutie Genomen in Raade van Cormandel accordeerd J Swijnevat Sec op L: L. 194 Donderdag den 5. e Junij 1766. Haar Hoog Edelheedens gunstiglijk behaagd hebbende, nopens de in anno pass=o soo door den gewezen Gouverneur als de Leeden deeser Vergadering in Cassa gerembourseerde ƒ41683:14:8. , zijnde het gevallene verlies op de te ba„ tavia verkogte 166. pakken te laaten volstaan met 25. insteede van de bevoorens voor winstderving bereekende 38¾. percento, en de voormelde thans gefixeerde percentos 1/3. door den Gouverneur, 1/3. den secunde, en 1/3. door de Gesamentlijke Raadslieden te doen dragen; soo wierd verstaan, die voldoening daarna te reguleeren, ten dien einde een nette aan„ koning te doen formeeren, en pernaassen indienen /:onderstond:/ accordeerd /:was geteekend:/ W=m Duijnevelt sec: Extract uijt de Resolutie Genomen in Raade van Cormandel accordeerd J Ruijnevert Sec op L: L. 194 Donderdag den 5. e Junij 1766. Haar Hoog Edelheedens Gunstiglijk behaagd hebbende, nopens de in anno pass=o soo door den gewezen Gouverneur als de Leeden deeser Vergadering in Cassa gerembourseerde ƒ41683:14:8. , zijnde het gevallene Verlies op de te ba„ tavia verkogte 166. pakken te laaten volstaan met 25, insteede van de bevoorens voor winstderving bereekende 38¾. percento, en de voormelde thans gefixeerde percentos 1/3. door den Gouverneur, /3. den secunde, en 1/3. door de Gesamentlijke Raadslieden te doen dragen, soo wierd verstaan, die voldoening daarna te reguleeren, ten dien einde een nette aan„ koning te doen formeeren, en per naasten indienen, /:onderstond:/ accordeerd /: was geteekend:/ W=m Duijnevelt sev:s Extract uijt de Resolutie Genomen in Raade van Cormandel accordeerd J Swijnevat Sec op La. L. 194 Donderdag den 5. ' Junij 1766. Haar Hoog Edelheedens gunstiglijk behaagd hebbende, nopens de in anno pass=o soo door den gewezen Gouverneur als de Leeden deeser Vergadering in Cassa gerembourseerde ƒ41683:14:8. , zijnde het gevallene Verlies op de te ba„ tavia verkogte 166. pakken te laaten volstaan met 25, insteede van de bevoorens voor winst derving bereekende 38¾. percento, en de voormelde thans gefixeerde percentos 1/3. door den Gouverneur, 1/3. den secunde, en 1/3. door de Gesamentlijke Raadslieden te doen dragen, soo wierd verstaan, die voldoening daarna te reguleeren, ten dien einde een nette aan„ koning te doen formeeren, en per naasten indienen /:onderstond:/ accordeerd /:was geteekend:/ W=m Duijnevelt Sev:s Extract uijt de Resolutie Genomen in Raade van Cormandel accordeerd J Ruijnevat Sec op
English
Letter L. 194 Thursday the 5th of June 1766. Their High Excellencies having been favorably pleased, regarding the ƒ41683:14:8 reimbursed into the treasury in the past year both by the former Governor and the members of this Council, being the incurred loss on the 166 packs sold at Batavia, to let it suffice with 25 instead of the 38¾ percent previously calculated for loss of profit, and to have the aforementioned now fixed percentages borne 1/3 by the Governor, 1/3 by the second in command, and 1/3 by the collective Council members; it was therefore resolved to regulate that settlement accordingly, and to that end to have a neat account prepared, and to submit it in the near future. It was subscribed: Agreed. It was signed: Wm Duijnevelt, Secretary. Extract from the resolution taken in the Council of Coromandel. Agreed. J. Duijnevelt, Secretary. 195 Whereupon, having further been submitted by the said Honorable Head Administrator, a short summary, drawn up according to the arrangement made by Their High Excellencies to show how, now after deduction of the 13¾ percent favorably validated by Their High Excellencies themselves, participation will have to take place in the assessment of ƒ41638:14:8 reimbursed into the treasury here by the former Governor and Council on account of the incurred loss on the textiles sold at Batavia, which would now only amount to ƒ29282:6:- and be divided in the manner as follows, namely: The former Governor van Teijlingen for 1/3: ƒ9760.15.8. The former second in command Vick likewise for 1/3: ƒ9760.15.8. The following both present and former members for the remaining 1/3, as appears below, namely: The Fiscal Cantervisscher: ƒ1394.8.8. Carried forward: ƒ1394.8.8. ƒ19521.10.-. Thursday the 12th of June 1766. Extract from the resolution taken in the Council of Coromandel. The Trade Bookkeeper Filliettaz: ƒ1394.8.8. The Second Warehouse Keeper Severin: ƒ1394.8.8. The Adigar Pietersz: ƒ1394.8.8. The deceased Merchant Bonk: ƒ558.18.8. The repatriated Junior Merchant [illegible] The detained Junior Merchant Hazelkamp: ƒ835:9:-. The Junior Merchant Appengh: ƒ835.9.-. The Junior Merchant Boers: ƒ835.9.-. ƒ9760.15.-. Total as above: ƒ29282.6.-. Thus, by the said van Teijlingen and Vick, who previously contributed no more thereto than ƒ4631:12:- each, must now, to complete their share, additionally be contributed ƒ5129:3:8, or ƒ10258:7:- between the two of them; and on the other hand, to Cantervisscher, de Filliettaz, Severin, and Pietersz, who likewise each previously paid 4631:12:-, would have to be paid back ƒ3237:1:8; and to the three following, namely Bonk, Dietloff, and Vermont, who previously each participated therein for ƒ1986:1:8, the amount of ƒ1427:-; as well as to the three last whose share was ƒ2845.9 each, The said Vermant: ƒ558.18.8. Dietloff: ƒ558.18.8. Carried forward: ƒ1394.8.8. ƒ19521.10.-. 196 must be paid back ƒ1810:-:8; as well as also through this arrangement, now Sadraspatnam and Jaggernaikpoeram will have to participate therein for an amount of ƒ2214:1:8, and thus ƒ1850:4:8 accrues to the benefit of the first-mentioned, and ƒ363:17:- to the second-mentioned office; so it was, after careful review of that paper, approved to let it be entered into the treasury and paid back as mentioned above, and credited to the aforementioned two offices, as well as to charge the 13¾ percent validated by Their High Excellencies amounting to ƒ10187:7:-, pursuant to what was noted in the latest resolution of the 5th instant, to the Indian headquarters Batavia. It was subscribed: Agreed. It was signed: Wm Duijnevelt, Secretary. Agreed. J. Duijnevelt. V. Heel. 197 Letter M: Account of the former Secretary and Cashier here, Johannes [illegible] Debit For his account since the 22nd of August of the past year, as appears: 1767: 24th September: To the money counted into the Company's treasury by the undersigned according to the warrant of today's date, in reduction of Hazelkamp's debit: Pagodas 1500.-.-. 1768: 24th February: To the money counted into the Company's treasury by the undersigned according to the warrant of the 16th of this month, in reduction of Hazelkamp's debit: Pagodas 1338.-.-. The last of April: To that which is under our accountability, to be remitted by bill of exchange to Batavia: Pagodas 1805.9.18. Sum total: Pagodas 4643.21.8. Nagapatnam. It was signed: D: Buij [illegible] It was subscribed: Agreed. It was signed:
Dutch transcription
La L. 194 Donderdag den 5. e Junij 1766. Haar Hoog Edelheedens gunstiglijk behaagd hebbende, nopens de in anno pass=o soo door den gewezen Gouverneur als de Leeden deeser Vergadering in Cassa gerembourseerde ƒ41683:14:8. , zijnde het gevallene Verlies op de te ba„ tavia verkogte 166. pakken te laaten volstaan met 25, insteede van de bevoorens voor winst derving bereekende 38¾. percento, en de voormelde thans gefixeerde percentos 1/3. door den Gouverneur, /3. den secunde, en 1/3. door de Gesamentlijke Raadslieden te doen dragen; soo wierd verstaan, die voldoening daarna te reguleeren, ten dien einde een nette aan„ koning te doen formeeren, en per naasten indienen /:onderstond:/ accordeerd /:was geteekend:/ W=m Duijnevelt sec: Extract uijt de Resolutie Guomen in Raade van Cormandel accordeerd J Ruijneval Sec op 195 Waarna door gemelde E: Hoofdadministrateur nog overgelegd zijnde, een korte tesamentrekking, Opgemaakt naarvolgens de gemaakte schikking door Haar Hoog Edelens ter aantoning hoedanig. nu naar detractie der daar Hoogst deselve Gun„ stiglijk gevalideerd 134. p=r Centos zal moeten geparticipeerd werden, in de door den geweezen Gouverneur en Raad alhier in Cassa gerembour„ seerde belasting van ƒ41638:14:8. wegens gevallene Verlies op de te Batavia verkogte Lijwaaten, wel„ ke nu maar zoude bedragen ƒ29282: 6. -. en deselve verdeeld werden in maniere als volgd, teweeten: Den gewezen Gouverneur van Teijlingen voor 1/3. - - - - - - - - - - ƒ 9760. 15. 8. Dien gewezen serunde Vick mede voor 1/3 - - - „ 9760. 15. 8. De volgende soo presente als afgegaane Leeden voor de overige 1/3. gelijk hier onder blijkt; teweeten: Den fiscaal Cantervisscher - ƒ1394. 8. 8. Transporteere ƒ1394. 8. 8. ƒ19521 10 —. Donderdag den 12 e Junij 1766. op Extract uijt de Resolutie genomen in Raade van Cormandel S Den Negotie boekhouder filliettaz „ 1394. 8. 8. „ Tweede pakhuijsmeester Severin „ 1394. 8. 8. „ Adigaan Pietersz: - - - „ 1394. 8. 8. „ Overleedene Coopman Bonk - - „ 558. 18. 8. „ Gerepatrieerden onder Coopman „ gedetineerden onderCoopman Hazelkamp - - - – – - „ 835: 9:—. den onder Coopman Appengh. - - „ 835. 9. —. den onder Coopman Boers – - „ 835. 9. – „ 9760. 15. — Tesamen als boven ƒ29282. 6. — moetende dus door genoemde van Teijlingen en Vick die te vooren daartoe niet meer gefourneerd hebben dan ƒ4631:12. –. ieder, als nu ter Compbetee„ ring van hun aandeel boven dien Contribueeren ƒ5129:3:8. off ƒ10258: 7. —. de beijde, en daar an tee„ „gen aan Cantervitscher, de Filliethar, severin en Pietersz: welke mede ieder 4631:12. –. bevorens hebben betaald, weder uijtgekeerd zoude moeten werden ƒ3237:1:8. en aan de drie volgende, Na„ mentlijk Bonk, Dietloff en vermont die daar„ in te vooren ieder voor ƒ1986:1:8. geparticipeerd hebben ƒ1427:—. mitsgaders aan de drie baasse welkers aandeel ƒ2845. 9. ieder geweest is, weder „. dito Vermant - - - - - - „ 558. 18. 8. Pietloff - - - - - - - „ 558. 18. 8. P„r Transport - ƒ 1394. 8. 8 ƒ19521. 10. — terug # 196 terug betaald moeten werden ƒ1810:—: 8. , mitsgaders ook door deese schikking, als nu Sadraspatnam en Jaggernaikpoeram, daarin zullen moeten parti„ cipeeren voor een montant van ƒ2214:1:8. , en dus ƒ1850:4:8. het eerstgemelde, en ƒ363:17. —. tweede gemelde Comptoir ten goede komt soowierd waar aandagtige resumtie van dat papier, goed„ gevonden, in diervoegen, als bovengemeld te laaten in Cassa zellen, en weder uijtkeeren, en voormelde twee Comptoiren ten goede brengen, mitsgaders de door Haar Hoog Edelens gevalideerde 13¾4. pro„ Cento ten emporte van ƒ10187: 7. —. , ingevolge het genoteerde ter Jongste resolutie van den 5e Courant de Indiase Hoofdplaatse Batavia ten laste te brengen. /:onderstand:/ accordeerd /:was geteekend:/ W=m Duijnevelt ses. accordeerd J Swijnevet VHeel 197 Lra M: L Len Reeck: van den Geweesene secretaris en Cassier alhier Johannes Debet voor sijn Reecq: seedert den 22. ' aug. s A. o passato blijkens 1767: 24.:' 7ber: â het getelde in 'sComp:s Cassa, door de ondergetee„ kendens volgens ordonnantie van heedigen da„ tum, inmindering van Haselkamps debet pa/o 1500. —. –. 1768. 24. febr: „ het getelde in 'sComp:s Cassa door de ondergetee„ kendens volg.s ordonnantie van den 16. ' deeser in mindering van Haselkamps debet - - „ 1338. —. —. „ ult.o april „ 't geene dat onder onse verantwoording is, om p. s assignatie, naar Batavia geremit„ „teerd te werden - - - - - - - - - - - - „ 1805. 9. 18. Somma pro 4643. 21. 8. Nagapatnam /:was geteekend:/ D: Buij /:onderstond /: accordeerd:/ was geteekend:/
English
198 annes Haselkamp on account of received and disbursed moneys 29 February Credit as appears from the submitted account to date; namely 1767. 22 August per balance of previous account under our administration pa/o 183. 1. 63. 29 ditto the amount received from Mistress the widow Crucius in reduction of her debit to P:s 24 September the amount received from the hands of the authorized agents of the former Secretary of Justice Leonard Campie, the Honorable Ian Schuneman and Cornelis Obdam, from the auction proceeds of the sold goods of Mistress Crucius in reduction of her debit to Haselkamp 1630. 5. 12. 1768. 24 January the amount received from the messenger on account of auction proceeds 566. 18. 64. ditto ditto the amount received on a Colombo draft dated 10 December 1767 on account of the share that by sentence of the Honorable Council of Justice there from the estate of the Right Honorable Lubbert Ian van Eck fell to Anna Cornelia Bonk widow Crucius and is received in reduction of her debt to Haselkamp 1338. 11. 70. 26 April the amount received from the sequestrator of the Honorable Council of Justice here I: T Vaucquet De Tan on account of goods of Haselkamp sold by auction according to receipt of the above-mentioned date 70. 13. 40. ultimo ditto the amount received from the messenger on account of auction proceeds 300. —. — Sum pa/o 4643. 21. 8 Haselkamp N: p: 380. or 354. 15. 24. ditto 200. 2. 55. Ultimo April 1768. uij and J:k W:m Bloeme nd W=m Duijnevelt se Agreed H Huijpevel - 21 Letter N: 199 Extract from a Missive written by Their High Excellencies, the Honorable High Indian Government at Batavia to Cormandel under date 18 March Anno 1765. Resolved to order you to have all those goods, except for the above-mentioned 8993 lb. Dutch copper in hoops, 1868¼ lb. sheet copper, and 100 lb. wild Timor cinnamon, which must be sent hither, and the spices also excepted, sold for current value, and all that the homeland goods render less than 75 per cent and the Indian goods less than 50 per cent advance, to have compensated by the warehouse keepers and head administrator who last delivered and took over the same, and thus from the estate of the First Warehouse Keeper Bonk, deceased in the year 1763, by Severin, who has been Second Warehouse Keeper since the year 1761, Vick, who recently stepped down and has been Head Administrator since the year 1761, and Filliettaz, chosen by you on 17 June 1763 as First Warehouse Keeper instead of the said Bonk and confirmed by us in that service; and likewise by the same all the damage caused by long storage in the reduction or spoilage of the spices, namely the nutmegs and mace of the years 1760, 1761, and 1762, or properly speaking the loss of profit that the same will have to undergo upon sale. below stood: agreed: was signed: W=m Duijnevelt Secretary Agreed WDuijnertt Sec 200 Letter Tuesday 2 July Anno 1765. Extract from the Resolutions taken in Council of Cormandel As also to have the quantity of 42118 lb. old Persian copper works still remaining in the warehouses here under his [Bonk's] accountability sold at the auction to be held in the coming days, and after receipt of the yield to be drawn up thereof, to take such a decision as shall be deemed appropriate. below stood: agreed: was signed: W:m Duijnevelt Secretary Agreed J Suijnevelt Letter P: 201 Extract from the Resolutions taken in the Council of Cormandel Friday 25 October Anno 1765. There was also resumed the received yield of the 42118 lb. old Persian copper works sold by public auction pursuant to the decision of 2 July last, and whereas it appeared therefrom that on the purchase cost thereof a loss occurred of ƒ1521. 1. 12. or pa/o 317. ; the Council therefore resolved to charge the payment thereof into the Company's Treasury to the widow of the Bookkeeper Francois Cricius, as daughter and heir of the deceased Second Warehouse Keeper Anthonij Bonk, since the said Bonk neglected to report its unsaleability in a timely manner. below stood: agreed: was signed: Wm Duijnevelt Secretary agreed. H Ruijnert Letter G 202 Extract from a Batavia Invoice of charging sent to Cormandel, dated 1 February Anno 1764. For the yield less than 60 per cent advance on the 480 pieces of Cambays Unbleached Red Nagapatnam, long 6 broad 2¼ Covids in 2 packages No. 319 and 320 at 240 pieces each brought Anno 1759 by the ship D' Eendragt from Nagapatnam for Cheribon, sold according to the annexed decision of 3 May 1763, purchase cost ƒ1145. 18: 8. for 60 per cent advance 687. 11. — Total ƒ1833. 9. 8. Yielded by public auction only, which deduct 687. 5. 8. ƒ1146: 4. —. below stood: agreed: was signed: Wm Duijnevelt Secretary agreed H uijnovet Letter G 202 Extract from a Batavia Invoice of charging sent to Cormandel, dated 1 February Anno 1764. For the yield less than 60 per cent advance on the 480 pieces of Cambays Unbleached Red Nagapatnam, long 6 broad 2¼ Covids in 2 packages No. 319 and 320 at 240 pieces each brought Anno 1759 by the ship D' Eendragt from Nagapatnam for Cheribon, sold according to the annexed decision of 3 May 1763, purchase cost ƒ1145. 18: 8. for 60 per cent advance 687. 11. — Total ƒ1833. 9. 8. Yielded by public auction only, which deduct 687. 5. 8. ƒ1146: 4. –. below stood: agreed: was signed: W=m Duijnevelt Secretary agreed H Ruijneret
Dutch transcription
198 annes Haselkamp weegens ontfangene en verstreckte penningen 29 ' febr: Credit blijkens overgegeevene Reecq: tot heeden; als 1767. 22. aug.:s p:r slot van voorige Reecq: onder onse administratie pr/o 183. 1. 63. 29. d. o „ het ontfangene van Juff:w de weduwe Cru„ cius in mindering van haar debet aan P:s 24. ' 7ber: „ het ontfangene uijt handen der gemagtigdens van den geweesene secretaris van Justitie Leo„ nard Campie, de E. s Ian Schuneman en Cornelis obdam, van de vendu penn: der verkog„ te goederen, van Juffw Crucius in mindering van haren debet aan Haselkamp - - - - - - „ 1630. 5. 12. 1768. 24. Jann: „ 't ontfangene van de boode weegens vendupenn: „ 566. 18. 64. „ „ t ontfangene op Een Colombose assignatie geda„ teerd 10. xber: 1767. weegens het aandeel, dat bij sententie van den agtb: Raad van Justitie aldaar uijt den boedel van den WelEd: gestr: Heer Lubbert Ian van Eck aan An„ na Cornelia Bonk wed:e Crucius is te beurt gevallen en in mindering van haar schuld aan Haselslamp word ingenomen „ 1338. 11. 70. 26. april „ 't ontfangene van den sequester van den E: agtb: Raad van Justitie alhier I: T vaucquet De Tan weegens p. r vendutie verkogte goede„ ren, van Haselkamp volgens quitantie van boven gem: datum - - - - - - - - - - - „ 70. 13. 40. ulto „ „ 't ontfangene van de boode weegens rendupen „ 300. —. — Somma pa/o 4643. 21. 8 Haselkamp N: p: 380. of - - - - - - - - - „ 354. 15. 24. _ o „ „ „ _ o _o „ 200. 2. 55. Ultimo April 1768. uij en J:k W:m Bloeme nd W=m Duijneveltse Accordeerd H Huijpevel - „ 21 Lra N: 199 Extract uijt Een Missive door Haar Hoog Edelheedens, de Edele Hooge Indiase Regeering te Batavia na Cor„ „mandel geschreeven sub dato 18.' Maart A. o. 1765. Goedgevonden VE: te gelasten alle die goederen excepto de boven gem: 8993. lb: koper hollands in hoepen 1868¼. lb: plaat koper, en 100. lb: wilde Caneel timors, die herw=s sul„ „len moeten gesonden werden, en de specerijen meede uijt„ „gesondert, voor het geldende te laaten verkoopen, en al wat de vaderlandsche minder dan 75. p.r C. , en de Jn„ „diase dan 50. ten honderd advans komen te rendeeren, door de pakhuijsmeesters en hoofd-administrateur, wel„ ke deselve het laast overgegeeven, en overgenomen hebben, te laten vergoeden, en dus uijt den boedel van den in den Jaare 1763. overleeden Eersten pakhuijsmees„ ter Bonk, door den seedert den Jaare 1761. geweesen tweeden pakhuijsmeester Severin, den Jongst afgetreeden en seedert 't Jaar 1761. geweest sijnde hoofd-administrateur Vick en den op den 17. Junij 1763. bij UE: tot eerste pakhuijsmeester insteede van ged: Bonk verkooren, en door ons in dien dienst bevestigde Filliettaz; en soo meede door deselve alle E alle de schade, die door het lang leggen. in d' mindering of bederving der specerijen, namentlijk de noten en foelij van d' Jaaren 1760. 1761. en 1762. veroorsaakt is, of eijgent„ lijk de winst dewing die deselve bij verkoop sullen moe„ ten ondergaan. /:onderstond:/ accordeerd:/ was getee„ kend:/ W=m Duijnevelt seC. s Accordeerd WDuijnertt Sec 2oo Lra Dingsdag Den 2. Iulij A. o 1765. Als meede de voor desselfs /:Bonk:/ verantwoording in de pakhuijsen alhier nog berustende quantiteijt van 42118 lboude persiaanse koper werken, Eerst daags bij te houdene vendutie te laaten verkoopen, en na inkoming van het daar van op te maakene Ren„ „dement, soodanig een besluijt te neemen als bevon„ den soude werden te behooren. /:onderstond:/ accordeerd :/was geeteekend:/ W:m Duijnevelt seC. s E Extract uijt de Resolutien genoo„ men in Raade van Cormandel Accordeerd J Suijnevelt op L„ra P: 201 Vrijdag den 25. ' 8ber: A„o 1765. Ook wierd geresumeerd, het ingekomen rendement, van de ingevolge besluijt van den 2. ' Iulij Jongstl: per publique vendutie verkogte 42118. lb: oude per„ „siaanse kooper werken, En dewijl daar bij bleek, dat op dies uijtkoops kostende een verlies gevallen is, van ƒ1521. 1. 12. of pa/o 317. ; zoo arresteerde den Raad, de voldoening van dien in 'sComp:s Cassa, aan de weduwe van den Boekhouder Francois Cricius, als dogter en Erfgenaame van den aflijvigen tweeden pakhuijsmeester Anthonij Bonk op te leggen, alsoo gemelde Bonk versuijmt heeft dies inven„ „dibelhijd tijdig op te geeven. /:onderstond:/ accordeerd:/ /:was geteekend:/ Wm Duijnevelt seC. s Extract uijt de Resolutien genomen in den Raade van Cor„ „mandel accordeerd. H Ruijnert 8 Lra G 202 Over 't minder rendement dan 60. p„r C„o advans op de volgens annex besluijt van den 3. ' Maij 1763. verkogte 480. p:s Cambaijen Ruwe Roode Nagapatnams, lang 6.„ breet 2¼. Cob. s in 2. packen N. o 319. en 320. â 240. pees ieder A. o 1759. per 't schip D' Eendragt van Na„ „gapatnam voor Cheribon aangebragt, kos„ ten inkoops. . . . . . . . . ƒ1145. 18: 8. voor 60. p. r C. o advans - - - - - - „ 687. 11. — Teld - - - ƒ1833. 9. 8. P„r publique vendutie maar geren„ deert, die aftrecke - - - - - - - - - „ 687. 5. 8. ƒ1146: 4. —. /:onderstond:/ accordeerd:/was geteekend:/ Wm Duij„ nevelt. seC. s Extract uijt Een Batavias Factuur van aanreekening na Cor„ „mandel gesonden, de dato 1. ' febr: A o 1764. accordeerd H uijnovet vte Lra G 202 Over 't minder rendement dan 60. p„r C„o advans op de volgens annex besluijt van den 3. ' Maij 1763. verkogte 480. p:s Cambaijen Ruwe Roode Nagapatnams, lang 6.„ breet 2¼ Cob. s in 2. packen N o 319. en 320. â 240. pees ieder A. o 1759. per 't schip D' Eendragt van Na„ „gapatnam voor Cheribon aangebragt, kos„ ten inkoops. . . . . . . . . ƒ1145. 18: 8. voor 60. p. s C. o advans. - . - -. - - „ 687. 11. — Teld - - - - ƒ 1833. 9. 8. P„r publique vendutie maar geren„ deert, die aftrecke--- - - - - - - - „ 687. 5. 8. ƒ1146: 4. –. /:onderstond:/ accordeerd / was geteekend:/ W=m Duij„ nevelt. seC. s Extract uijt Een Batavias Factuur van aanreekening na Cor„ „mandel gesonden, de dato 1. ' febr: A o 1764. accordeerd H Ruijneret
English
Letter G 202 For the lower yield than 60 percent advance on the 480 pieces of Cambays, Raw Red Nagapatnams, long 6, wide 2 1/4 Covids, sold according to the annexed resolution of 3 May 1763, in 2 packs, No 319 and 320, at 240 pieces each, brought in the year 1759 by the ship D' Eendragt from Nagapatnam for Cheribon, purchase cost: ƒ1145. 18. 8. for 60 percent advance: ƒ687. 11. — Total: ƒ1833. 9. 8. Yielded at public auction only, which is deducted: ƒ687. 5. 8. Deficit: ƒ1146. 4. -. Underneath stood: agreed. Was signed: Wm Duijnevelt, Secretary. Extract from a Batavia invoice of account sent to Coromandel, dated 1 February Anno 1764. Agreed. H Ruijnevet 203 For the amount of the inferior quality and deficiency found in threads of the to-be-mentioned bleached Morees and checked Romals, to be reimbursed to the Honorable Company by their collectors, according to Their High Excellencies' resolutions of 20 January and 6 March 1764, annexed hereto, with 50 percent advance, the one and the other consisting, as can be seen in the annexed copy report of the cloth sorters Fris and Denso accompanying this, as follows, namely: 11 packs of Morees of various sorts, whereof: 8 packs of Portonovos, to wit: 6 packs of fine bleached, namely: 4 packs of 18 threads, No 18, 43, 203 and 232, with the ship Kwitsheuvel from Nagapatnam, the 5 threads found short amounts to, pro rata: ƒ806. 13. 8. 2 packs of 16 threads, No 117 and 231, by and from the same, also for the 4 threads found short: ƒ275. 6. — Subtotal: ƒ1081. 19. 8. 2 packs of common bleached, of 14 threads, No 142 and 230, by the Kwitsheuvel from Nagapatnam, amounts also for the 2 1/3 threads short: ƒ153. 19. — Total for 8 packs carried forward: ƒ1235. 18. 8. Extract from a Batavia invoice of account sent to Coromandel, dated 31 May 1764. 3 packs of Nagapatnams, common bleached, of 14 threads, No 300, 301 and 302, brought by Sloterdijk, for the 3 1/3 threads found short, pro rata: ƒ294. 7. — Subtotal: ƒ1530. 5. 8. 16 packs of checked Romals, Indian sort, Palliacats, for 8 percent inferior in quality, as per the invoice of this government, to wit: 2 ditto of 1/4 Corge, No 137 and 138, by Kivitsheuvel from Nagapatnam: ƒ259. 12. —. 14 ditto of 17/0 Corge, whereof: 8 packs, No 108, 109, 110, 121, 132, 139, 140, 152, by and from the same as above, amount to: ƒ945. 4. -. 6 packs, No 66, 67, 78, 79, 80 and 81, received by the ship Sloterdijk from Palliacatta: ƒ710. 10. –. Subtotal: ƒ1655. 14. —. Total for 16 packs: ƒ1915. 6. —. Total: ƒ3445. 11. 8. For 50 percent advance on the same: ƒ1722. 15. 8. Total: ƒ5168. 7. — Underneath stood: agreed. Was signed: Wm Duijnevelt, Secretary. 8 packs Carried forward with: ƒ1081. 19. 8. Nagapatnam, amounts also for the 2 1/3 threads short. Agreed. W Huijnevett. 204 For what, upon examination of various cloths, which recently were brought with the ships Borsselen, Sloterdijk and Kwitsheuvel from this government for India or this principal place, and according to written instructions were found by the cloth sorters Fris and Denso to be deficient in their threads, length and width, whereof, pursuant to the orders in Their High Excellencies' resolution of 6 April 1764, a specific specification has been drawn up by the senior merchants of this Castle, annexed hereto, of their cost pro rata the charged account of each sort separately, the same having, according to Their High Excellencies' much respected resolution of 14 May 1764, also accompanying this, to be reimbursed by their collectors to the Honorable Company with ƒ12060. 7. 8. Underneath stood: agreed. Was signed: Wm Duijnevelt, Secretary. Extract from a Batavia invoice of account sent to Coromandel, dated 18 June 1764. Agreed. Ruijnarett states 205 Extract from the minutes of what was transacted and resolved in the Council of India. Tuesday, 3 May, Anno 1763. Furthermore, on the received report of the aforementioned committee members in the cloth warehouse, concerning the examination and findings of the 3 packs of cloths recently brought back from Cheribon with the pantjallang De Adriana, namely: 2 packs of Cambays, raw red Coast of Nagapatnam, No 319 and 320, each containing 240 double pieces or 480 single pieces, each 6 Covids long, 2 1/4 Covids wide, yet on average of such thin weave that, in the judgment of the said committee members, they cannot be disposed of at any profit. Tuesday, 9 August 1763. Further, that of the 3 packs brought back from Cheribon and sold according to the resolution of 3 May: On 1 pack of small Nagapatnam Romals in 576, brought here by the ship Leijden, and charged at ƒ3712. 13., they have only advanced ƒ1070. 6., or well over 28 1/18 percent, while on 2 packs of fine Nagapatnam Cambays, brought here in 1759 by the ship De Eendragt, and costing at purchase ƒ1145. 18. 8., there was lost ƒ458. 13., or well over 48 percent, which loss, together with that which these packs yielded less than 60 percent in profit, amounting together to ƒ2303. 10, it is understood shall be charged to Coromandel, to be reimbursed by the collectors according to the text of the aforementioned resolution of 3 May. Underneath stood: agreed. Was signed: Wm Duijnevelt, Secretary. Agreed. H Huijnevelt Turn over
Dutch transcription
Lra G 202 Over 't minder rendement dan 60. p„r C„o advans op de volgens annex besluijt van den 3. ' Maij 1763. verkogte 480. p:s Cambaijen Ruwe Roode Nagapatnams, lang 6.„ breet 2¼ Cob. s in 2. packen N o 319. en 320. â 240. pees ieder A. o 1759. per 't schip D' Eendragt van Na„ „gapatnam voor Cheribon aangebragt, kos„ ten inkoops. . . . . . . . . ƒ1145. 18: 8. voor 60. p. s C. o advans. . . - - . . „ 687. 11. — Teld - - - - ƒ 1833. 9. 8. P„r publique vendutie maar geren„ deert, die aftrecke - - - - - - - - - „ 687. 5. 8. ƒ1146: 4. -. /:onderstond:/ accordeerd:/ was geteekend:/ W=m Duij„ nevelt. seC. s Extract uijt Een Batavias Factuur van aan reekening na Cor„ „mandel gesonden, de dato 1: ' febr: A„o 1764. accordeerd H Ruijnevet 203 Over 't bedragen der mindere bevondene Caalen en deugd van de te meldene moenissen gebleekte en Roemaals geruijte, om door dies Jnsaamelaars volgens Haar Hoog Ede„ lens besluijten van den 20:' Ianuarij en 6. ' Maart 1764. hier annex met 50. p=r C=s advans aan d' Ed: Comp:e vergoed te werden, bestaande het een en ander, soo als bij 't annex deese versellend Copia berigt der lijwaat sorteerders Fris en Denso tesien is, als volgt; Namentlijk 11. - p=k Moerissen insoort; waar van. 8. p=len Portonovos; teweeten. 6. p. ls fijn gebleekt; als „4. p. k d' 18. Caal, N. 18. 43. 203. en 232. met het schip Kwits„ heuvel van Nagap. m bedraagd dies minder bevon„ den 5. Caalen pro rato. . - - ƒ 806. 13. 8. 2. „ d' 16. Caal No 117. en 231. per en van even ook voor dies min„ der bevondene 4. Caalen - - - „ 275. 6. — ƒ1081. 19. 8. „ 2. p. s gemeen gebleekt d' 14. Caal N.o 142. en 230. p. s Kwitsheuvel van na: 8. pak: Die Transporteere met. . . . . . . . . ƒ1081. 19. 8. „ Extract uijt Een Batavias Factuur van aanreekening na Cor„ mandel gesonden, de dato 31:' Meij 1764. - - - - - „ 153. 19. — ƒ 1235. 18. 8. 3. pack: Nagapatnams gemeen gebl: d' 14. Caal No 300. 301. en 302. per sloterdijk aangebragt, voor de minder bevon„ dene 3 1/3. Calen pro rato - - - - - „ 294. 7. — ƒ1530. 5. 8. 16. p=len Roemaals geruijte Jndiase soort palliacats voor 8. p r C. minder in deugd, als na 't aange„ reekende van dit gouvernement; teweeten: 2. d. os d' ¼. C@ N. o 137. en 138. per Kivits heuvel van Nagapatnam _ _ _ _ _ _ ƒ 259. 12. —. 14:. d. os „ 17/0. @ Waar van: 8. p.=s N. o 108. 109. 10. 121. 132. 139. 40. 152. p. s en van als even bedraagen. ƒ 945. 4. -. 6. „ N . 66. 67. 78. 79. 80. en 81. p r het schip Sloterdijk van Palliacatta ont„ fangen - - - - -. . . . . „ 710. 10. –. „ 1655. 14. —. „ 1915. 6. —. Teld - - - - - ƒ3445. 11. 8. Voor 50. p. r C. o advans op deselve - - - - - -. „ 1722. 15. 8. ƒ5168. 7. — /:onderstond:/ accordeerd: / was geteekend:/ W=:m Duij„ neveltse Cs 8. paken P„r Transport met. . . . ƒ - 1081. 19. 8. Nagapatnam, bedraagt al„ meede voor de mindere 2 1/3. Caalen Accordeert. W Huijnevett -. 204 Over bij examinatie van diverse lijwaaten, welke Jongst met de scheepen Borsselen, slooterdijk en Kwits heu„ „vel uijt deesen gouvernemente voor India of deese hoofd plaats aangebragte en volgens aanschrijvens minder in derselver Caalen, lengte en breete, door de lijwaat sorteerders Fris en Denso bevonden sijn, waar van ingevolge het geordonneerde bij Haar Hoog Edelens besluijt van den 6. april 1764. door de oppercooplieden deeses Casteels geformeert is Een specifique aanwijsing /:hier annex:/ van dies kostende pro rato de gedaane aanreekening van ieder soort afsonderlijk moetende 't selve volgens Haar Hoog Edelens veel gerespecteerd besluijt van den 14. ' Maij 1764. /:meede annex deese ver„ sellende :/ door dies insamelaars aan d'E: Comp:e vergoed werden met ƒ12060. ƒ. 8. /:onderstond:/ accordeerd:/ was geteekend:/ W:m Duijnevelt sec. s Extract uijt Een Batavias Factuur van aanreekening na Cor„ „mandel gesonden, de dato 18. ' Junij 1764. Accordeeret. Ruijnarett segt 205 Dingsdag Den 3. ' Meij A. o 1763. Nog is, op het ingekomene Rapport van voormelde gecommitteerdens in't kleede pakhuijs, weegens de Examinatie en bevinding der onlangs met de Pantjallang de Adriana van Cheribon te rug gebragte 3. pakken lijwaaten: Namentlijk: 2. pakken Cambaijen ruwe roode Cust van Naga„ patnam N. o 319. en 320. inhoudende ieder 240. p:s dubbelde of 400. p:s enkelde, lang ieder 6. Cob.:s, b. t 2¼. Cob. s, dog door den anderen zoo dun van ge„ weeff, dat deselve na het oordeel van gedagte gecommitteerdens met geen winst van de hand p kunnen werden geset. Extract uijt als Vooren Dingsdag Den 9. ' Augustus 1763. Voorts dat van de 3. van Cheribon te rug gebragt en volgens besluijt van den 3. ' Meij verkogte pak„ Extract uijt de notulen van't gebesoigneerde en geresolieerde in Raa„ de van India. ken. op ken 1. pak kleene Roemaals Nagapatnamse in 576„ per het schip Leijden hier aangebragt, en aangereekend met ƒ3712. 13. maar geadvan„ ceent hebben ƒ1070. 6. off p.r C:o 28. 1/18. ruijm, ter„ wijl 'er op 2. „ fijne Cambaijen Nagap„l in 1759. per't'schip de Eendragt hier aangebragt, en inkoops Kostende ƒ1145. 18. 8. verloren is ƒ 458. 13. of 48. p. r C:s r:m, welk verlies neevens 't geene deese pakken minder dan 60. p:r C„s aan winst heb„ ben afgeworpen, tesamen bedraagende ƒ2303. 10 is verstaan Cormandel aan te reekenen, om na luijd van't vermelde besluijt van den 3. ' Meij vergoed te werden door de insamelaars /:onderstond:/ accordeert /:was geteekend:/ W=m Duijnevelt SeC s. Accordeerd. H Huijnevelt verte
English
206 Friday the 20th of January 1764 Extract from the minutes of what was transacted and resolved in the Council of India. Reconsideration having been taken of a report by the textile sorters, the junior merchants Johannes Fris and Jan Fredrik Denso, regarding their examination and findings of the textiles recently brought here for the fatherland with the ships Sloterdijk and Kwitsheuvel, it has been resolved to have appraised the items mentioned therein: 6 packs of Moeris, fine bleached, from Porto Novo 2 packs of the same, common, from Porto Novo 3 packs of the same, common, from Nagapatnam which contain from 5 to 2 1/3 caal too little, alongside 2 packs of Rumals, checked, Indian variety, 14 packs of the same, large, from Paliacatta, which were found to be too thin in weave, to determine how much less they are worth on that account than the invoiced price in comparison with good varieties, and that this amount is to be compensated by the collectors with a 50 percent advance. Extract as above. Tuesday the 6th of March 1764. Likewise, the textile sorters, the junior merchant Johannes Fris and bookkeeper Jan Fredrik Denso, in conformity with the resolution of the 20th of January last, having submitted a report stating how much they calculate that the eleven packs of Moeris of various varieties mentioned in the aforesaid resolution are worth less than the invoiced price in comparison with the good varieties according to their short measures of caal, and 16 packs of checked Rumals pro rata of the thinner weave, it has been resolved to have the said lesser value of f 3445. 11. 8 compensated by the collectors on the Coromandel Coast, and to charge the same thither for that purpose. At the bottom stood: Agrees. Was signed: Wm Duijnevelt, Secretary. Agrees. W Duijnevelt, Secretary. 207 Monday the 14th of May 1764. Extract from the minutes of what was transacted and resolved in the Council of India. The senior merchants of this Castle, in compliance with the resolution of the 6th of April last, having submitted a report, with the submission of a specific specification regarding the shorter length, width, and caal of the textiles found compared to what was invoiced, brought recently from Coromandel with the ships Borsselen, Sloterdijk, and Kwitsheuvel, whereby the same are judged to be worth f 12060. 7. 8 less in proportion than they were charged on the invoice; it has been resolved, pursuant to the aforementioned resolution, to charge this amount to Coromandel, to be compensated by the collectors, and to send the aforesaid specification thither as well. At the bottom stood: Agrees. Was signed: Wm Duijnevelt, Secretary. Agrees. W Duijnevelt. Letter R 208 Wednesday the 10th of July 1765. Extract from the resolutions taken in the Council of Coromandel. Subsequently, the Honorable Governor communicated to the Council how the Company's merchants of this place had complained to His Honour about a charge entered into their account, not only on account of the 60 percent lesser value of the 480 pieces of red Cambays sold at auction in Batavia, sent from here in the year 1759 per the ship De Eendragt, but also the caal, length, and width of various textiles found to be less upon remeasurement at the said Indian capital than invoiced, also shipped from this capital in the year 1763 with the ships Borsselen, Slooterdijk, and Kievitsheuvel, and therefore had refused to sign their settlements; and since His Honour considers that those traders also had legitimate reasons for doing so, because Their High Mightinesses' order dictates that the same must be compensated by the collectors, by which the Governor and the members who composed the meeting at that time were understood, it was resolved that the aforementioned traders, although they have already been debited in the closed books of the year 1763/4 according to the ordinance with an amount of pagodas 1100. 15. 20 or f 5283. 1. -, and this cannot be changed now, shall be relieved thereof in the new books of this current financial year 1764/5, and to credit them for that amount, and to have the aforesaid amount counted into the Company's treasury by the persons of the Council here who at the time collected and shipped those textiles, and to issue an extract hereof to His Honour upon the requisition of the Honorable Governor. At the bottom stood: Agrees. Was signed: Wm Duijnevelt, Secretary. Agrees. W Duijnevelt. 209 Senior merchant and Head Administrator here, Mr. Henricus Leembruggen. Let the account of minted gold pagodas be debited in the trade books to the following Company's merchants for a sum of nine hundred and seventy-eight pagodas, eight fanums, and ten cash, being what was received into the Company's main treasury from the former Governor and the political members on account of the Batavia charge debited by them without a resolution to the account of the Company's merchants, namely: To the Company's merchants Adij Narnappa Aijen, and Kistna Chittij: Pagodas 195. 16. 2. Ditto Wengatarama Kistna Chittij, and Wengadessalam Chittij: 195. 16. 10. Merchant Sadassua Chittij: 195. 16. -. Sarwanna Moetoe Poele: 195. 16. -. Moetoe Weijtelinga Moddelij: 195. 16. -. Sum: Pagodas 978. 8. 10. Nagapatnam, in the Castle, the last of July Anno 1765. Was signed: P. Haksteen. Lower stood: The merchant and trade bookkeeper, the Honorable Pierre Jean Louis De Fieliettaz, debit and credit the above account in the manner as stated. Nagapatnam, date as above. Was signed: Hk Leembruggen. At the bottom stood: Agrees. Was signed: Wm Duijnevelt, Secretary. Agrees. W Duijnevelt.
Dutch transcription
206 Vrijdag Den 20. ' Januarij 1764 Resumptie genomen sijnde, van een berigt van de lijwaatsorteerders, de ondercooplieden Iohan„ „nes Fris en Ian Fredrik Denso, weegens hunne Examinatie en bevinding van de lijvaa„ ten Jongst met de scheepen Sloterdijk en Kwitsheuvel voor't vaderland alhier aangebragt, zo is verstaan de daar bij vermelde. 6. p=ken Moens fijn gebleekt portonovos 2. „ _. o gemeen _. o 3. „ _o _o _o Nagapatnams Welke van 5. tot 2 1/3. Caal temin inhouden, neevens 2. packen Roemaals geruijte Jndiase soort. 14. _. o _:o _:o groote van Pallia„ Catta. welke te dun van geweeff bevonden sijn, te laaten taxeeren hoe veel deselve uijt dien hoofde minder dan de aangeschreevene puijs, en in Comparatie van goede soorten waardig sijn, mitsgaders dat be„ draagen door de Jnsaamelaars met 50. p. r C. o advans Extract uijt de Notulen van 't gebesoigneerde en geresolveerde in Raade van India te ende te doen vergoeden Extract uijt Als Vooren op Dingsdag Den 6. ' Maart 1764. Insgelijks door de lijwaat sorteerders den ondercoopman Iohannes Fris en Boekhouder Jan Fre„ drik Denso in Conformite van 'T geresolveerde op den 20. ' Januarij J„o leeden gedient sijnde van berigt hoe veel sij bereekenen dat de bij voorsz: besluijt ver„ „melde Elff Pakken Moeris van diverse soorten na derselver temin gehoudene Caalen en 16. p=ken Roe„ „maals geruijte na rato van het dunner geweesf minder dan de aangeschreevene prijs in Compara„ tie van de goede soorten vaardig zijn, soo is verstaan de gemelde mindere waarde van ƒ3445. 11. 8. door de Jn„ „saamelaars op Cormandel te doen vergoeden, en het selve ten dien eijnde derwaards aantereekenen. /:onderstond:/ accordeert /:was geteekend:/ W=m Duij„ nevelt seC:s Accordeerd J uijnevelt er 207 Maandag Den 14. ' Maij 1764. op Door de Oppercooplieden deeses Casteels in voldoening van't besluijt van den 6. ' april J:o leeden ge„ diend sijnde van berigt, met overlegging van een specifique aanwijsing weegens de mindere bevondene dan aangeschreevene lengte, breete en Caalen der lijvaaten, met de scheepen Bors„ Sloterdijk en Kwits heuvel Jongst „selen, van Cormandel aangebragt, waar door deselve na pro portie ƒ12060. 7. 8. minder waardig wer„ „den g'oordeelt als z' bij factuur aangereekend sijn; soo is verstaan dat bedraagen ingevolge op gem=de besluijt Cormandel ten laste te brengen, om door de Jnsaamelaars vergoed te werden, en de voorsz: specificatie meede derwaards tesen„ den. /:onderstond:/ accordeerd /:was geteekend:/ Wm Duijnevelt seC. Extract uijt de Notulen van het gebesoigneerde en geresolveerde in Raade van India. Accordeerd. D Huijnevett Lra R 208 Woensdag den 10. ' Julij 1765. Vervolgens Communiceerde den Edelen Heer Gouver„ neur aan den Raad, hoe dat 'sComp:s Cooplieden, deeser # steede, aan zijn Edele hadden geklaagt over een haar op Reekening gestelde belasting, niet alleen, weegens de mindere waarde van 60. procento van de tot Batavia per vendutie verkogte 480. p:s Cam„ „baijen roode in't Jaar 1759. per 't schip De Een„ „dragt van hier versonden, maar ook de ter gedagte In„ „diase hoofdplaatse, bij na meeting minder bevondene, dan aangeschrevene Caalen, lengte en breete van diverse lijwaaten in anno 1763. met de scheepen Borsselen, Slooterdijk en Kievitsheuvel meede van deese hoofd-plaatse afgescheept en daarom geweijgert hadden, derselver afreekeningen te teeke„ „nen, en dewijl sijn wel Edele vermeint die mar„ chiandeurs daar toe ook wettige reedenen waaren hebbende, vermits Haar Hoog Edelheedens ordre dicteert, dat het selve door de Jnsamelaars moet werden vergoed, waar meede d' heer gouver„ neur en de leeden, welke in die lijden de vergaade„ Extract uijt de Resolutien Genomen in Raade van Cormandel ring 5: op „ring gecomponeerd hebben, verstaan wierd, soo wierd beslooten de handelaars voornoemd, mits bij de thans bereets geslootene boeken van het Jaar 176/¾. volgens ordonnantie, daar voor met een bedraagen van pagooden 1100. 15. 20. off ƒ5283. 1. - belast sijn geworden, en sulx thans niet konde werden verandert, bij de nieuwe boeken van dit loopende boekjaar 176 1/5. weeder te ontheffen, en haar voor dat montant te Crediteeren mitsga„ ders het voorsz: bedraagen door de toen die lijnaa ten ingesameld en versonden hebbende persoonen van den Raad alhier, in 'sComp:s Cassa te laaten tellen, en hier van op het Requisit van den wel Edelen Heer Gouverneur Een Extract aan sijn Edele af„ te geeven. /:onderstond:/ accordeerd: / was geteekend/ Wm Duijnevelt. ses s Accordeerd H Ruijnoutt 209 oppercoopman en Hoofd- administrateur alhier Den Heer Henricus Leembruggen Late bij de negotie boeken Debiteeren de Reekening van pagoo„ den goude gemunte aan de volgende 'sComp. s Cooplieden voor een somma van Negenhondert, agtensestig pagooden agt fanums, en thien Casjes, sijnde 't geen van den geweesene gou„ verneur en de politicquen leeden in 'sComp:s groote geld Cassa ontfangen weegens Bataviasche belasting door den„ selve sonder besluijt op de Reecq: van 'sComp:s Cooplieden be„ last; als: op 'sComp:s Cooplieden Adij Narnappa Aij„ en, en Kistna Chit„ _:o Wengatarama Kist„ na Chittij, en Wengades„ Salam Chittij - - - - - - - - „ 195. 16. 10. „ Coopman Sadassua Chittij. . . . . . - „ 195. 16: —. Sarwanna Moetoe Poele„ 195. 16. —. Moetoe Weijtelinga Mod„ tij. . . . . . . . . . . P a/o 195. 16. –. Somma P„lo 978. 8. 10. Nagapatnam Jn't Casteel Ultimo Iulij A. o 1765 /:was geteekend:/ P„r Haksteen /:lager stond:/ den Coopman delij. . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 195. 16. — 6 en ende wierd naa„ „ „ „ - „ „ „liettaz, debiteeren en Crediteeren boovenstaande Reecq: in manier als gesegd. Nagapatnam dato voorsz: /:was„ „geteekend:/ H„k Leembruggen; /:onderstond:/ accor„ deerd :/ was geteekend:/ W:m Duijnevelt Se C. s en Negotie boekhouder D' E: Pierre Jean Louis De Fie„ Accordeerd. J Rruijnevett
English
210 Whereas by a certain warrant signed by the Right Honorable Pieter Haksteen, Governor, dated 13 July 1765, I, the undersigned Chief Administrator, was ordered to receive into the Company's Main Cash Treasury, as part of what was imposed as compensation upon the deceased Trade Bookkeeper Anthonij Bonk, having been a fellow member of the Political Council, according to the resolution taken in the Council of Coromandel on the 10th preceding, on account of having rendered less than 60 percent advance on the linens etc. sold at Batavia by public auction, to the amount of Old Nagapatnam Pagodas one hundred twenty-two and seven fanums, I addressed his daughter, the widow Mrs. Crucius, as the universal heir of her late father, regarding this matter; and whereas the aforementioned sum of 122 pagodas and 7 fanums has since been duly received by me, the undersigned, from her, and her account was simultaneously credited for it in the trade books, this serves as legal proof thereof. Nagapatnam, in the Castle, 20 February 1766. Was signed: H:s Leembruggen. Below was written: Agreed. Agreed. Was signed: W:m Duijnevelt, Secretary. W. Duijnevelt. 211 Extract from the Resolution taken in the Council of Coromandel on Friday, 28 February 1766. Likewise, there served the transfer of that treasury made by the Cashier pro tempore, the Junior Merchant and Invoice Keeper Dirk Vrijmoet, to the newly appointed ditto Willem Duijnevelt under date of the 26th of this month; on which occasion the named Commissioners de Filliettaz and Pietersz simultaneously communicated to the Council that the named Cashier Duijnevelt, upon taking over the cash, had raised difficulties and declared that he did not wish to be responsible for the 150 pagodas included among the funds running on memorandum, charged against the farmers, because there was no warrant for it, and thus it could not be verified on whose order and for what purpose they had been disbursed; and that, moreover, from the Malabar document concerning this, in the annotation thereon made by Cashier Jan Martensz, who died in the year 1754, nothing else appeared than that 120 pardaus, making 50 pagodas per company, had been paid out to a certain Seijdoepoelle Marcair as tenant of the Company's villages of Neijwellie and Carwelie; which 50 pagodas had been acknowledged and recorded in the successive surveys of that treasury from that time until the last of February 1760, but since the last-mentioned date the sum of 150 pagodas had appeared without anyone being able to see what caused the increase; thus it was approved to have the detained Cashier Joannes Hazelkamp questioned as to whether he had a warrant for it or could provide any elucidation regarding this, so that, upon receiving his answer, such a decision may be taken as shall be found appropriate. Below was written: Agreed. Was signed: W:m Duijnevelt, Secretary. W. Duijnevelt. Agreed. 212 Pursuant to the resolution taken by this Table on 28 February last, the detained former Secretary and Cashier Joannes Hazelkamp having been required by the First Sworn Clerk of the Secretariat here, Leonard Campie, to provide an elucidation concerning the 150 pagodas running on memorandum in the Petty Cash charged to the farmers, more fully mentioned in the aforementioned Council resolution, he has provided such an answer as appears from the written report presented by the said First Clerk to the Governor, reading as follows: To the Right Honorable Pieter Haksteen, Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, and Governor and Director of this Coast of Coromandel with its dependencies. Right Honorable Sir, Upon your Right Honorable's honored order, the undersigned First Sworn Clerk went to the jailer, and having there asked the detained former Secretary and Cashier Joannes Hazelkamp whether he could supply any elucidation of the 150 pagodas that run on memorandum in the petty cash as disbursed to the farmers, with a warrant for only 50 pagodas, mentioned in the Resolution of 28 February, which was also shown to him on that occasion insofar as it concerned this affair, he answered that he took over the said 150 pagodas, as they currently appear in the books, from his predecessor, the deceased Bookkeeper Francois Crucius, and that he maintained that that sum must have been handed over to the aforesaid Crucius in the same manner by the executors of the late estate of the likewise deceased Cashier Paulus Looman, without being able to say whether there was a warrant for the remaining 100 pagodas or not. With which the undersigned hopes to have complied with your Right Honorable's esteemed mandate. Thursday, 27 March 1766. Extract from the Resolution taken in the Council of Coromandel.
Dutch transcription
f=r S. 210 Bij seekere door den WelEdelen Gestrenge Heer Gauven„ neur Pieter Haksteen ondergeteekende ordonnantie gedateerd 13=e Julij 1765. mij ondergeteekende Hoofd„ administrateur gelast zijnde, te ontfangen in 'sComp:s Groote geld Cassa, onder 't gedeelte van het geen den Overliedene Negotie boekhouder Anthonij Bonk als ien medeLid van de Politicque vergadering geweest zijnde, volgens het geresolveerde in Raade van Cormandel Op den 10. e bevoorens ter vergoeding is opgelegd, van wegens minder ge„ rendeerde dan 60. percento advans, op de te Bata„ via per vendutie Verkogte. Lijwaaten ensz: ten bedrage van Oude Nagapatnamse Pagroden de Honderd Twee en twintig en Seven fanums, heb ik zijn Ed:e dogter Jans weduwe Mejuffrouw Crucins als universeel Erfgenaame van derselver respective vader zaliger, daar over aangesproken, Heef en alsoo op gemelde sommetje van pa/o: 122: en 7. fanums bij mij andergeteekende, 'tzederd van haar Ed: wel is ontfangen; en teffens der„ selver Reekening daar voor bij de Negotieboe„ ken gecrediteerd, diend deese daarvan tot een wettig bewijs —. Nagapatnam In't Casteel den 20=e februarij 1766. /:was getekend:/ H:s Leembruggen. /:onder„ stond oor„ Accordeerd /:onderstond:/ Acordeerd / ans geteekend:/ W:m Duijne„ velt sec s V Duijnerett L. J 211 Extract uijt de Resolutie Genoemen in Raade van Cormandel op Vrijdag den 28=' februarij 1766. Gelijk voorts nog diende het Transport dier Cassa door den Casper Pro temporen den onder Coopman en factuur houder Dirk Vrijmoet aan den nieuw„ angestelden dito Willem Duijnevelt onder dato 26 e deeser gedaan, bij welke gelegendheid genoemde Gecom„ mitteerdens de Filliettaz en Pietersz:, teffens den Raad Communiceerde, dat genoemde Cassier Duijnevelk bij het Overneemen van de Cas, difficulteiten ge„ maakt, en verklaard hadde, niet respancabel te willen wezen, voor de ander de per Memorie loo„ pende gelven begrepene 150. Pagaaden, ten Laste van de Landbouwers bekendstaande, uijt hoofde daar van geen ordonnantie zijnde, dus ook niet na„ gegaan konde werden, Op wiens ordre ende tot wat einde deselve verstrekt waren, en dat buijten dien bij het daarvan wezende Mallabaars ge„ schrift, in het daarop aangeteekende door den In den Jaare 1754. Overleedene Cassier Jan Martensz: niet anders quam te blijken, dan dat 120. pard:s uijtmakende pr Co: 50. aan eenen Seijdoepoelle Marcair E Maroair als Pagter van sComp:s Dorpen Neijwellie en Carwelie afgegeven waren, welke 50. pag: sedert die leid tot ultimo februarij 1760. bij de sumessive over„ gegevene opneemingen dier Cassa, bekend gesteld, en Opgegeven waren, maar seederd Laastgem: datum de somma van 150: pagooden voorgekomen was, sonder dat men zien kan, waardoor de vermeerdering ge„ causeerd is, zoo wierd goedgevonden dierwegen den Gedetineerden Cassier Joannes Hazelkamp te baaten afvragen, of daarvan geen ordonnantie had dan„ wel eenige Elucidatie dierwegens weet te geven, om na het inkomen van sijn bescheid daarom„ trend soodanig besluijt genomen te werden, als bevonden zoude werden te behooren. /:onderstond:/ accordeerd (:was geteekend:) W„m Duijnevelt sec:t W Suijnerett accordeerd 212 Ingevolge het genamen besluijt deeser Tafel van den 28:e februarij J Lleeden, den gedekineerden gewezen secretaris„ en Cassier Joannes Hazelkamp door den Eersten Geswo„ Een Clercq ter serretarije alhier Leonard Campie, elucidatie afgevorderd zijnse omtrend de bij de kleene„ Cassa, ten Laste der Landbouwers per Memorie Loo„ pende 150. pagooden, breeder vermeld bij gedagte Raadslat, heeft denselven daarop zoodanig antwoord gediend, als bij het door gem: Eerste„ Clercq aan den Heer Gouverneur Gepresenteerd schriftelijk Rapport komt te blijken, luijdende als volgd: Aan den welEdelen Gestre Heer Pieter Haksteen; Raad Extraordinair van Nederlands India, mitsgaders Gouverneur en Directeur deeser Custe Cormandel met den resorte van dien Wel Edele Gestrengen Heer. Op uwelEd: Gestr: g'eerde Ordre, den Onder„ Donderdag den 27„e Maart 1766. Extract uijt de Resolutie genomen in Raade van Cormandel geteekende F op ondergeteekenden Eerste Gesworen Clercq sig bij den Cipier vervoegd; en aldaar den Gedetineerden gewezen secretaris en Cassier Joannes Hazel„ kamp afgevraagd hebbende, of hij eenige klu„ cidatie konde suppediteeren van de 150. pagoden die bij de kleene kas als aan de Landbauwers verstrekt per memorie loopen; met een on„ donnantie van maar 50. pagooden, vermeld ter Resolutie van den 28=e februarij, dewelke hem ook in fooverre deese affaire betraff„ bij die gelegendheid vertoond is, heeft den„ „selven daarop gedind, dat hij gemelde 150. pagonden soodanig als sij thans bij de boe„ ken bekend staan, heeft overgenomen van sijn voorzaat, den Overleedenen boekhouder Francois Crucius, en dat hij sustineerde dat aan evengemelde Crurius die som mede dus„ danig moest overgegeven zijn geworden door de Executeurs wijlen den boedel van den mede aflijvigen Cassier Paulus Loo„ man, sonder te kunnen zeggen of van de overige 100. Pagooden een ordonnantie was dan niet Waarmede den ondergeteekende verhoopt aan„ uwelEd: Gestr: g'agte mandaat voldaan te hebben E 2