Inventory 3346
Coromandel · 842 pages · 195 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
the previous year, so that the Honourable Company also had to participate in 3. 6. 35. ¾. candijlen less of the same, and thus a much worse result than had been expected, especially when reflecting that due to the opulent supply of grains from the upper countries, the price thereof could not be set and bargained higher than 5. pagodas for white and 4. ½. pagodas for black nelij per candijl, consequently in money pagodas 236: 16: 70: less than the Company's share had been in the past year; and although, according to the reasons which the chiefs come to give for the causes of that decrease, no place is found for the remarks that could come into consideration and be brought against it, as being accidents that are beyond human capacity which have been the cause of that damage: it was nevertheless approved and understood to admonish the chiefs to take every care that the Honourable Company is not withheld by fraud or other unfaithful dealings from that which lawfully pertained to it, the 5th of May 1772. and the complete fulfilment of the aforementioned advance of pagodas 12369 and rupees 6162, and the same was subsequently blamed on the inundation of the lands to which those of Palicol, to the surprise of this Government, are very often subject. With respect to the office Paggernaijkpoeram, it was decided upon the servants' received letters of the 19th, 23rd, and 27th of March past, to also express the satisfaction of this Government with the profits obtained on the merchandise converted in February last, in expectation that the returns of the following months would be no less profitable, with recommendation for its increase as well, as for the complete fulfilment of the delivery of linens assigned to that factory; while in the meantime the advance made anew to the collective merchants and suppliers of cotton blankets of pagodas 12369. and rupees 6162. was approved, provided however that the same remains directly for the account of the chiefs, since they must know to what extent the same was necessary and the merchants are to be trusted, in proportion to the linens brought and delivered by them against the previous advances enjoyed by the same, just as the offloading made of the Japan bar copper from the Bengal ship Leekerlust was also approved, since they could not be provided with that mineral from here, and furthermore to qualify them, in case the chaloup De Walvisch touches there on its return from Bimilipatnam, to offload from it the bankaal or hall cloth that the Bimilipatnam chiefs, not needing it, sent over here; with further order to promptly pay into the treasury ƒ 338: 16. —. or the loss on the rosewater sold there at auction, because, if the same had already been filled with jellyfish upon receipt, they should have sent it back immediately and not kept it. A request having been made by the master of the equipment here, Jacob Hartman, to be released from his suretyship on behalf of the secunde Johannes Dumon for his currently occupied service; it was understood to give him notice thereof, and to order him to send this Government another suretyship arranged according to the order, or else, in default thereof, to deposit the amount of the stipulated bail into the Company's treasury, so that the said Hartman's aforementioned instance could be granted. And further to order them to place the tindal of the thonij De Jonge Galenus, decommissioned and already sold here, by name Iman, onto the thonij De Jonge Pieter instead of the recently deceased tindal of the same, by name Pattana. To the chiefs of Bimilipatnam, in answer to their letters of the 24th of February and 13th of March last, it was resolved to approve the offloading also made by them from the ship Seekerlust of 300. small boxes of Japan bar copper and 25. bars of Dutch iron, both for the benefit of the vent of merchandise and use.
Dutch transcription
remargie dierweegens. het voorige Jaar, over sulx dE: Comp: meede 3. 6. 35. ¾. candijlen minder in het zelve heeft moeten partici„ peeren, en alsoo een veel slegter uijtslag dan men tegemoed gesien hadde, insonderheijd wanneer men reflecteerde, dat door den opuelen ten overbreng van graanen uijt de booven Landen, de prijs derselve niet hooger dan 5. pagooden de witte en 4. ½. pag: de swrte nelij per candijl hadden kunnen gesteld en bedon„ gen werden, gevolgelijk in gelde pag: 236: 16: 70: min„ der dan 'sComp=s aan deel in anno passato geweest was, en schoon na de reedenen die de opperhoooden van de oorsaaken dier minderheijd koomen te gee„ ren, geen plaats doen vinden, voor de Remarques die daar teegens in Consideratie kunnen koomen: en bij gebragt werden; als toevallen weesende die booven het menschelijke vermoogen zijn, welke oorsaake van die schaade sijn geweest: soo werd vermaan aan de oerhoofd die W=t egter goedgevonden en verstaan de opperhoovden te vermaanen, om alle sorge te draagen, dat dE: Comp=e door fraude of andere ontrouwe behandelingen niet onthouden werd, het geen haar wettig toequam, den 5e. Meij 1772. en 263 den 5:' Meij 1772. nen in febr: de Compleite voldening der aigemant „verstrecking van prag: 12369 en 20 pts 6162. en deselve vervolgens geschooren werd op de incinda„ tie der Landerijen waar aan die van Palicol tot ver„ vrondering deeser Regeering al heel dikwils onderhee„ vig zijn. — Ten opsigte van het Comptoir Paggernaijkpoe genwoegen wa Jag: ver het gewon„ ram wierd op der bediendens ontvangene Letteren van den 19. ' 23. ' en 27: ' Maart passado, beslooten, almeede het genoegen deeser Regeering te betuijgen over de behaalde winsten op de omgesette handel„ whaaren in febr: Jongstleeden, in verwagting dat en met welke verwagting de Rendementen van de volgende maanden niet minder profitabel zoude zijn, met recommandatie tot dies accressement soo wel, als tot de Compleete recomm: tot de acressemet n ot voldoening van de die factorij opgedraagene Leve„ rantie van Lijwaaten; Terwijl intusschen goed appobati ande gedaane wooreyt gekeurd wierd, de op nieuw aan de gesaamentlyke handelaars en Leveranciers van gecattoeneerde deekens gedaane voor uijt verstrecking van pa„ gooden 12369. en Rop=s 6162. mits egter deselve mitsduie tovone s at tagt gevende direct voor Reecquening der opperhoovden blijvende, alsoo sij weeten moesten, hoererre deselve noodsaa, en waarom kelijk kooper uyst bengeals schip en om wat reeden. lip=r uyt de Chialoup de wad visch te Ligten. in Cassa te tellen. versoek van den Equipagiem=r hartman om van zyn borgtogt voor de secunde dumon ontlangen te werden kelijk geweest, en de Cooplieden te fieeren zijn, na mate van de door haar aangebragte en geleeverde lijwaaten, op de door deselve voorige genootene voor„ approbatie van de zigting vant uijtverstreckingen, gelijk ook goedgekeurd wierd de gedaane ligting van het Iapans staatkooper uijt het Bengaals schip Leekerlust, alsoo men haar van hier met dat mineraal niet heeft qualificatie om benkaal van ben konnen voorsien, en voorts haar te qualificeeren, om indien de Chialoup Devialvisch in desselvs retour van Bimilipatnam ginter aangierd, daar uijtteligten de bankaal of zaal kleed dat de Bimilipatnamse opperhoovd niet benodigt Lastomt verloren op t Jatant ebbende, dit heen oversonden; met verdere ordre om ten eersten in Cassa te voldoen ƒ 338: 16. —. of het verloorene op het aldaar per vendutie verkogte Rosenwater, dewijl het zelve, indien bij ontfangst reeds met quallen beset was ge„ weest ten eersten terug gesonden, maar niet aangehouden moesten hebben. — Door den Equipagiemeester alhier Iacob Hartman, versoek gedaan zijnde, om van zijn den 5'. Meij 1772. borgtogt 265. den 5e. Meij 1772. geeven. last omdentandel van de thonij de Jonge galenus op de Jonge pieter te plaaten. lepabnam van kooper eny zer uyt 't Bengaals schip borgtogt ten behoeve van den secunde Iohannes Dumon voor zijn thans bekleedende dienst ontslaagen tewer„ den; soo is verstaan hem daar van kennisse te geeven, betluyjkendaar van kennissete en te gelasten een ander borgtogt na de ordre ingerigt anmet net Last deese Regeering te doen toekoomen, dan wel bij man„ quement van dien, het bedraagen der gestipuleerde Cautie in 'sComp=s cassa te namptiseeren op dat gedagte Hartman zijne voormelde Jnstantie ingewilligd kon„ de werden In wijders haar te gelasten den Thandel van de alhier afgelegde en Reeds verkogte thonij de Jonge Galenus in in name Iman te plaatsen op de thonij De Ionge Pieter insteede van de Jongst overleedene tandel derselve in naame Pattana. Aan de opperhoovden van Bimilipatnam in approbatie vande Legting te bimi„ andwoord van derselver Letteren van den 24:' febr: en 13. ' Maart Jongstleeden, wierd geresolveerd, goed„ te keuren de door haar almeede uijt het schip Seeker„ lust gedaane ligting van 300. kistjes staaf kooper Japans, en 25. staaren ijzer hollands, soo tot bene„ fitie van den verthier van handelwhaaren, als ge„ bruijk 7
English
percent on the copper was validated and why. continued wood for the stowage of the packs. to draw lines use in the housekeeping there, but that the ship's officers for the copper accounted for as shortage were validated no more than 1/16 percent, and the remainder thereof charged to their account, the Government feared had been acted improperly or contrary to the tenor of the General Regulation for the writing off of short weights and deficits framed on the date 15 August 1753, and renewed with alterations and amplifications on 15 August 1764, because according to the same, since that mineral was imported from another directorship, just as from the main place in the Indies, a validation of 1/8 percent is due to them instead of the 1/16 percent merely validated by the servants, because the latter is a stipulation established for transport from one office to another situated within the same Government, which would be written to the servants for their guidance and observance for the future. Furthermore, the supply made of firewood to that vessel for the stowage of the packs was passed, which at the same time 267. the 5th of May 1772. 26 packages of reject sent over until when was also left to the account of the skipper, so that he will have to account for the same upon arriving at Batavia, with a further statement of the incomprehensibility of this Government as to how the same could serve or be employed for the stowage of the packs, since these were merely so-called crows' nests of very thin twigs of trees and bushes tied together, which could not possibly serve for that purpose, and the said bushes must have taken up nearly three quarters of the hold of the ship; therefore the directors would have done better to reject that unnecessary supply, which now served only to burden the ship's expense account. Because the servants also sent hither among the cargo of the ship Zeekerlust 26 packs of reject linens from the merchants in order to be sold here in reduction of their debts, it is resolved to suspend the final disposition thereon until the ship has arrived here and those to send them, but to have them serve in reduction of debit and on what foundation. embrace in that regard to give notice. Item with what request those linens shall have been received. But with regard to the proposal made by those traders, that from the proceeds of the linens to be sent freight-free to Batavia on the Company's ships by virtue of the favorable concession granted by Their High Mightinesses, after deduction of the charges, only one quarter be retained in reduction of their arrears with the Honorable Company instead of the whole, because otherwise, or upon withholding the entire amount of the yield of those linens, the merchants would again fall so far behind on the funds to be advanced for the collection of linens and remain in debit at the final accounting to be held. It is resolved, on account of the solidity of the reasons given, to embrace the same, and upon the dispatch of linens to give notice thereof to Their High Mightinesses, and to request the same that no more than one quarter of the yield after deduction of the charges be withheld for the benefit of their debts, and the remainder remitted hither, or 269. the 5th of May 1772. now both concerning the reduction of the debts as the revival of the collection may be credited for distribution to those traders, with an order to be sent, however, to the directors not to advance any money on the part of the Company to the merchants for that shipment, but that one should have to wait for the disbursement of the amount thereof until the receipt of the yield from Batavia. In regard to the assurance given by the directors, both with respect to the further diminution of the debts there, as well as the revival of the collection through the abundant supply of sound linens and a broader vent of trade goods, it is resolved to declare that the Government wished to see the fulfillment of those promises, and consequently expected that the directors would redouble their zeal and attention, especially to get the requirements for the Fatherland collected before the appearance of the return ship, since in the contrary case, all that might not have come in by that time would have to remain over for an entire year
Dutch transcription
pr C: op 't kooper gevallideerd was is bulijk en waarom. vervolg hout tot gaaniering der packen. liem scheppen dog dat de ovrheeden met meer als / s: bruijk in de huijshouding aldaar, dog dat de scheeps overheeden van het tekort verandwoorde kooper niet meer dan 1/16. percento gevallideerd en het overige daar van haar op Reecquening gesteld is, vond de Regeering qualijk of teegens den teneur van het Generaal Reglement der afschrijvingen van onderwigten en minderheeden de dato 15. ' aug=s 1753. beraamd, en den 15. ' augustus 1764. met de al„ teratien en ampliatien gerenoveerd gehandelt te vreesen, alsoo volgens het zelve haar, dewijl dat mi„ neraal uijt een ander directie aangevoerd is, bven als van de Jndiase hoofdplaatse aanbrengende 1/8. percento validatie Competeerd insteede van de door de bediendens maar gevalideerde 1/16: ten honderd alsoo het Laaste een bepaaling is voor den overvoer van het eene Comptoire na het andere in het zelvde Gouvernement geleegen vast gesteld, het geen de bedien„ te doen aan z: outslve voor dens aangeschreeven soude werden tot derselver na„ passern vande staeking ventrnt rigt en observantie, voor het vervolg, werdende wyders gepasseerd de gedaane verstrecking van brandhoud Laating ant stove vr egjn an aan dien boodem tot geerniering der packen, het geen den 5e. Meij 1772. tevens 267. den 5e. Meij 1772. overgesondene 26. pack: uyt schotten afftot wanneer teffens voor reekening van den schipper gelaaten wierd, dus denselven het zelve op Batavia Roomenda sal moeten verandwoorden, met wijdere te doene betig, fumargie dinwergens ging van de onbegrijpelijkheijd deeser Regeering, hoe het zelve dienen of g'emploijeerd werden konde, tot stuagie der packen, daar het maar zoogenaam„ de kraaije nesten waaren van heel dunne tackjes van boomen en struijkelbosschen te saamen gebon„ den, onmoogelijk daar toe dienen konde, ende ver„ streckte doo. bosschen bij na drie quart van het ruijm van het schip beslaan moeste, dierhalven de opper„ hoofden beeter gedaan zoude hebben, die onnoodige verstrecking, dewelke numaar enkel diende ter be„ swaaring van de scheeps onkostreecquening van de hand te wijsen. —. Door de bediendens onder de Laading van het schip perancherde dispositie rekfens de Zeekerlust ook herwaards gesonden werdende 26. pac„ ken uytschot lijwaaten van de cooplieden ten eijnde alhier inmindering van derselver schulden verkogt te werden, is verstaan de fineele dispositie daar over te surcheeren, tot dat het schip alhier g'arriveerd, en die . m ten die te versenden, maar in winde„ ring van debet te doen deenen en op wat fundament. amplectatie dier wergens kenisse te geeven. Item met welk verzoek die Lijwaaten ontvangen sullen weesen. Dog ten be„ proposite aan de Copl: on werdenel ange van de door die handelaars gedaane pro„ positie, om van het provenu van de door haar op de gunstige verleende Concessie van Haar Hoog Edelens met 'scomp=s scheepen vragt vrije te versen„ dene lijwaaten naar Batavia, na aftrek der ongel„ den maar een quart in mindering van derselver agterstal bij dE: Comp=e te laaten staan, in steede van het geheel, dewijl anders, of bij aanhouding van het gansche bedraagen van het Rendement dier Lijwaaten, de Cooplieden dan op de verstrekt wer„ dende penningen tot den Jnsaam van lijwaaten wee„ der soo veel ten agteren raaken, en bij de te houdene abreecquening de bet blyven zoude. Is verstaan, om de sollietiteijt der gegeevene reedenen, deselve en besluyt har hoog Ed=s darvam te amplecteeren, en bij versending van Lijwaaten Haar Hoog Edelens daar van kennisse te geeven, en hoogst deselve te versoeken dat niet meer dan maar een quart van het Rendement naar aftrek der ongelden, ten voordeele van haare schulden inge„ houden, en het overige dit heen overgemaakt, of den 5: Meij 1772: ten 269. den 5e. Meij 1772. tans so omtrend de vermindering der schulden „alts het opluyjken van den in saam ten goede gebragt mag werden ter uytkeering aan die handelaars, met aftesendene Last egter aan metwelke bastaande spert wog„ de opperhoofden, om tot die versending geen geld ' Comp. s weegen aan de Cooplieden te verstrecken, maar met de afgaane van het montant daar van gewagt soude moeten werden tot den ontfangst van het Ren„ dement van Batavia. — Ten opsigte van der opperhoofden gedaane ver„gedaan verekerig doorde prti„ seekering soo ten opsigte van de verdere diminutie der schulden aldaar, als het doen opluijken van den Jnsaam door den opielenten aanbreng van deugdsaame Lijwaaten, en ruijmer verthier van te doene betuijgeng dier weegens handel whaaren, is verstaan te betuijgen dat de Regeering de vervulling dier promesses wenschte te zien, en mits dien verwagtede dat de opperloof„ den hun iever en attentie verdubbelen souden, insonderheijd om het g'eijschte voor het Patria voor de verscheijning van het Retourschip inge„ sameld te krygen, nadien in Cas contrarie al het geen teegens die teijd niet ingekoomen mogte weesen, een geheele Jaar soude moeten blijven over=
English
May 5, 1772. Furthermore, regarding the filling of the vacancy of a Merchant in place of the recently deceased Merchant at the factory of Daaljerij Ervaij, it is postponed until a more convenient opportunity. But concerning the forwarded petitions of the Chief and the Secunde there to obtain the status of Merchant and Junior Merchant, it was resolved to present them to Their High Excellencies at the first occurring opportunity. The alum that had lain there unsaleable for about three years having been sent over here by the servants with the sloop De Walvisch, without awaiting the approval of this Government regarding the price communicated by them of f 33. 5. 8. that could still be made for it, just as was decided at the meeting of March 25 last to let it go at that, as it still yields a profit of 40 percent, and the servants having also been authorized to that end by letter of April 2 following; this action was therefore deemed too hasty, inasmuch as one was still engaged in conferring with them about disposing of it for the aforementioned price of f 33. 5. 8. stated by them, since the earlier order to send it over here had lapsed due to the changed circumstances and the prospect regarding the sale of that merchandise, consequently the Chiefs should have awaited the further orders of this Government, as there would have been no lack of opportunity for sending it over. Therefore, because the aforesaid alum, if brought over, would have to remain lying here, whereas on the contrary at Bimilipatnam there is still a possibility of disposing of it, to which they are so much the more obliged as it was requisitioned by themselves, it is approved and resolved, when it is brought here, to send it back immediately, to be sold by the Chiefs as yet for the price stated by them, and in case of a lower return, the loss of profit thereof is to be paid into the treasury by them. And as it could happen that the sloop De Walvisch, which carries the alum, could be subject to a long voyage between Bimilipatnam and Jaggernaijkpoeram due to adverse winds, it is furthermore resolved to order the servants of the last-mentioned factory, upon that vessel appearing there, to unload the aforementioned alum from it, and send it back to Bimilipatnam with their dhonies. Further, having resumed the received expense accounts of the aforementioned factories, as well as of the Residencies of Portonovo and Cuddalore, it was approved with respect to the two last-mentioned places to pass them for write-off, except for the freight charged at Portonovo in the month of January for a cheling for transporting the Company's linens here, to the amount of 25 pagodas, of which it was resolved to validate only half, and to have the other half paid by the merchants there, as they on that occasion also sent over 19 bundles of linens, besides other goods, and thus it was judged nothing more than fair that they should participate in half of the expenses. Regarding the rent paid there for a warehouse for storing the bales, it was resolved to have the Resident observe that at the washing place where there are warehouses for storing the linens, the packaged cloths could easily also be stored in the same until they were shipped off again. But if that cannot be done, it should then be his endeavor to secure for the 10 pagodas per month of house rent granted to him such a house as had a warehouse or room serving that purpose attached to it, for storing the bales, all the more now that the demand for cloths was so small, so that by that arrangement the rent of 7 pagodas per month, or 84 pagodas per year, which served no other purpose than to increase the expenses that already ran very high, since that rent had been incurred since the new contract for that
Dutch transcription
den 5e: Meij 1772. engtselig vande ede suedi dan neev= gem: koopmaen. dde secuner aan haar hoog Eds tekende vantalluijn overleggen werdende voorts de plaats vuilling van een Coop„ man insteede van den Jongst overleedene Coopman te dier factorij Daaljerij Ervaij tot nadere geleegend„ dog bestlent de recq: ont offeci en heijd uijtgesteld. Dog de overgesondene Requesten van het opperhoofd en secunde aldaar ter obtineering van Coopman en ondercoopmans qualiteijt, is ver„ staan bij de eerst voorkoomende geleegendheijd aan haar hoog Edelens te presenteeren. — proecefpitante overlending dit heen Het alluijn dat aldaar 't zeedert een Jaar of drie invendibel geleegen heeft, door de bediendens met de Chialoup De walvisch dit heen overgesonden sijnde, sonder het goedvinden deeser Regeering aftewagten op de door haar bedeelde prijs van ƒ 33. 5. 8. die daar voor nog te maaken was, gelijk men ter setting van den 25. ' Maart Jongst„ leeden beslooten heeft, het daar voor maar te laaten slippen, als nog een winst van 40. pr Cento geevende en de bediendens bij brieve van den 2.:' april daar aan daar toe ook gequalificeerd zijn: soo wierd die gedoente voor te precipitant aange„ merkt. — 271. den 5e. Meij 1772. besluyt deselve alhier ontfangen vene prijs verkogt casse geteld tewerden merkt, uyt hoofde men nog beesig was over dies van de handsetting voor de voormelde door haar opgegeeve prijs van ƒ 33. 5. 8. met haar te abouchee„ ren, nadien het vroeger bevel ter oversending van het zelve dit heen, door de veranderde omstandig„ heijd en de apparentie omtrend den verkoop van die whaar, was koomen te vervallen, gevolgelijk de opperhoofden de nadere ordre deeser Regeering hadde moeten afwagten, dewijl tot dies oversen„ ding geen occagie gemanqueerd soude hebben; soo is uijt hoofde het voorsz: alluijn overgebragt zijnde, woesend te eesten te rug tekenden alhier soude moeten blijven leggen daar het zelve inteegendeel te Bimilipatnam nog moogelijkheijd is, om van de hand te setten, waar toe zoo veel te eerder verpligt zijn, als door haar selve g'eijscht weesende, goedgevonden en verstaan het zelve hier aangebragt werdende ten eersten terug tesenden, om door de opperhoofden voor de door haar opgegeeve omdognde oppech: worde op gege„ prijs als nog verkogt, en ingeval van minder Ren„ dement, dewinst derving daar van door haar in uitmeerder Rendement in Cassa geteld te werden, en dewijl het zoude kunnen gebeuren „ ald= ankomt 'talluijn te ligten en te rug te senden reecq: tondoose en Coldeloerse d=o gebragte paq: 5: voor een Chealing der overbreng vande lijwaaten dit heen. valadeeren en waarom. gebeuren dat de Chialoup De walvisch die het late no Jag: om indende Chiling al uijn in heeft, daar teegen winden aan een Lange Reijse tusschen Bimilipatnam en Jaggernaijkpoe„ ram subject soude kunnen weesen: soo is alverder verstaan de bediendens van de Laast gemelde fac„ torij te gelasten dat vaartuijg aldaar opdaagende voorm: alluijn, daaruijt te ligten, en met haar er thonijs naar Bimilipatnam terug tesenden Resumpte van verscheden onlef Wijders geresumeerd weesende de ingekomene on„ kostreecqueningen der voorm: factorijen: als meede passerigten atoetin onde en ven de Residentien Portonovo en Coedeloer, soo is ten opsigte van de twee laastgemelde plaatsen goedgevonden deselve ter afschrijving te passeeren, Evert de te portenovoin Jams ofr behalven de te Portonovo in de maand Ianuarij opgebragte vragt voor een Chialeng ter overbreng van 'sComp. s lijwaaten dit heen, mits de Bevoltes bethuyg daarvan maarde letkte der maraittijs ten Emporte van 25. pagooden, waar van verstaan wierd maar de helft te valideeren en de andere helfte door de Cooplieden aldaar te laaten voldoen, alsoo zij bij die geleegendheijd meede 19. bon„ dels lijwaaten, buyten meer andere goederen hebben den 5e. Meij 1772. overgesonden 187 18 273. den 5: Meij 1772. werdend huur voor een pakhuijs ter berging van de packen huisen op de wasch plaats opgeslaa„ gen konde werden. een huijs te huuren daar een pakhuijs daagstel bij overgesonden, dus niet meer dan billijk geoordeeld wierde, dat zij in de helfte van de ongelden partici„ peerden. Ten belange van de aldaar betaald werdende remargie nop:s de aldaar betaald huur voor een pakhuijs ter berging der packen, wierd verstaan den Resident te doen Remarquee„ ren, dat op de wesch plaats wanaar paliaim pak„ huysen ter berging der Lywaaten zijnde in deselve namentlijk dat deselve inde pack„ gemackelijk de g'embaleerde doeken meede opgeslaa„ gen konde werden, tot dat deselve weeder wierden afgescheept; Dog zulx niet konnende geschiede, en zulkt met moogelyk zynde dan als dan van zijn betragting moeste zijn, om voor de hem toegevoegde huijshuur van 10. pag:'s maands een soodanig huijs te bemagtigen, daar een pak„ huijs of vertrek daar toe dienende bij was, ter ber„ ging der packen temeer nu den Eijsch van kleeden zoo gering was, dat door die schicking de huur van 7. pag: smaands, of 84. pegooden s Jaars, die nergens anders toe diende, dan de lasten die reeds seer hoog liepen te vermeerderen, dewijl men die huur 't zeedert de nieuwe aanbesteeding voor dat -
English
5 May 1772. had paid for that warehouse, without a single piece of linen having been stored therein, as the merchants had not yet delivered anything of what had been commissioned to them, which displeased the Government just as much as the paid rent for a boat of 10 pagodas per month with which they had provided themselves in order to save themselves therewith upon the approach of those Maratha main troops, since the uprisings or the alarm over their descent to these sea coasts had lasted no longer than a full month, and after the expiration of that time reliable report had arrived that those robbers had been no further than around the places situated along the mountain roads, so that no fear remained for their further breakthrough, wherefore that boat ought immediately to have been returned to the owner, on which account it was resolved to validate no more than 15 pagodas of the charged rent, and to let the remainder be reimbursed by him into the Cash. As also the cost of the copper utensils which were alleged to have been lost with the washing away of a part of the collapsed lodge; which, however, the Resident ought to have taken timely care of, but the three packing stands, two half-hour glasses, and 257 freestone floor tiles of 1 foot square, it was resolved merely to have written off in the book of unassessed goods, with further orders to send hither the 8 pieces of metal weights, as well as a copy of the vendue roll of the sale of the remaining part of the lodge there; and furthermore to order the postholder of Cuddalore to send hither at the first opportunity the 6 unfit muskets to be found there. In the expense account of Sadraspatnam for the month of February, under ordinary expenses, being entered the newly made 45 pieces of cutlass, sword, and bayonet scabbards, 24 sword belts, and 25 new cartridge pouches with broad straps; whereas the armory there as of the end of August last was still provided with a further 90 pieces of frog belts, 120 cartridge pouches, 24 grenade bags of Russia leather, 24 grenade bag straps, and 128 scabbards for bayonets and cutlasses etcetera, wherefore the making of the first three articles being unnecessary, it was resolved to have the sum charged therefor reimbursed by the overseer of the armory goods, with the prohibition not to make any new ones as long as there are old remaining stocks, expressing that the disbursement of 22 drumheads in 6 months ran too high, with the recommendation to attend somewhat better to economy in the future; just as the charged 300 lb of gunpowder consumed in firing watch shots was regarded as an unnecessary charge item, at the time the Maratha robber bands roamed through the country, in order to show them that one was on one's guard, which was passed for this time, as well as the 485 lb fired at Pulicat for that same purpose; which, however, the Government thought fit to forbid for the future, since this would by no means restrain the Marathas from robbing and plundering if they had intended to do so, all the more as it was also not known that they did such by night, but indeed in broad daylight; while that account, as well as that of the month of March, was passed for writing off. As also the expense account of Pulicat for the month of February, under this remark that the caning of two sorts of chairs and the repairing of the winnows and sieves for the cleaning of spices ought not to have been placed under ordinary expenses, but under expenses on merchandise; likewise that no new armory goods may be made as long as the old remaining stocks have not been disbursed, and that the payments made to the catamarans that were sent out to sea for the dispersal of ships and vessels, as has already been instructed, must henceforth not be charged to the account of ship expenses, but placed under ordinary expenses, under the further notification that the amount paid for sand and
Dutch transcription
den 5e: Meij 1772. huir betaald was sonder dat er een stuk sijnwaat geborgen pag: 10. smaans voor nev=s gen: bottel en waarom. paq: te valideeren koopere gerrij dat pakhuijs betaald had, sonder dat 'er een stuk ontsligting overdat r pak huijs Lijwaat ingeborgen was, alsoo de Cooplieden van het hun opgedraagene nog niets geleeverd hadden, het geen de Regeering al zoo wel ontstigtede, als jtem over de fetaalde huir van de betaalde huur voor een battel van 10. pag: smaands waarvan men zig voorsien had, om bij aannadering van die marattijse hooftroupen sig daarmeede te salveeren, alsoo de Revoltes of het allarm over derselver afsacking na deese zee stranden niet lan„ ger dan maar een groote maand geduurd hadde en na verloop van die teijd secuur berigt ingekoo„ men was, dat die rovers niet verder geweest waa„ ren dan omtrend de plaatsen aan de bergweegen geleegen dus voor derselver verder doorbraake geen vreese meer overbleef, dier halven die battel ten eersten aan den eijgenaar hadde moeten terug ge„ bestluijt daar van met mee als 5. geeven zijn geworden, uijt welken hoofde dan ook verstaan wierd van de opgebragte huur niet meer ontorenigein as te den belalen dan 15. pagooden te valideeren, en de overige door tamn tet bedragen van neers ge: hem in Cassa te laaten voldoen. Alsmeede het kos„ tende van de koopere gevrij die voorgegeeven wierd, met 275. den 5'. Meij 1772. teegen maar aftetz: atie gegn „send weeg.:s de verkoop van't gedeelte der Logie „saap hanen dit hintesenden. opgebragte nieuws aangemaekte wapenkamers goederen te laaten vergoeden. met het wegspoelen van een gedeelte der ingestorte Logie te soek geraakt te weesen; dog waar voor den Resident egter bij tijds hadde moeten sorge„ dragen, maar de drie pakstellingen twee halve dey lat neer gen: goeden daar en uurglaasen en 257. arduijne vloersteenen de 1. voet quadraad, is verstaan bij het boekje der onge„ taxeerde goederen maar te laaten afschrijven, met verdere Last de 8. stux metaale gewigten dit ende metaale gewigten det heen te heen te senden, als meede Copia van de vendiiroll van den verkoop der overgebleevene gedeelte van zomnede losie van de rendinoll, de Logie aldaar; en wijders den posthouder van coedeloer te gelasten bij geleegentheijd herwaards voorteschicken de aldaar te vindene 6. onbequaa latna edelbenge nbequamen me snaphaanen. —. Bij de onkostreecquening van Sadraspatnam lat na sadras pr om meer gem: van de maand februarij op onkosten ordinair opgebragt werdende de nieuwe aangemaakte 45. p=s houwers deegens en Bajonetscheeden, 24. en waaroor Cardon Riemen, en 25. nieuwe pattroontassen met breede Riemen; Terwijl de waapenkamer aldaar onder ultimo aug=o passato nog voorsien is geweest met den 5.' Meij 1772. verbod om geen nieuwe aantemaaken zoo Lange oude Restanten zyn van 22. tromvellen in Jm Recomm: dierweegens sien de opgebragte 300. lb: kruyt ina marattisse troubelen tot wagtschooten verschooten keer. gebruijkte 485: lb: dog verbod voor't vervolg en waarom met nog 90. p.s poot d' Espees 120. pattroontassen, 24: granaatsacken Jugtleere 24. granaat zak Riemen en 128. scheeden voor de bajonetten, en hou„ wers &=a, oversulx het aanmaken van de drie eerste articulen onnoodig zijnde, soo is verstaan het opgebragte daar voor door den opsiender van de waapen goederen te laaten vergoeden, met Jn„ terdictie om geene nieuwe aantemaaken, soo Lange 'er oude Restanten zijn, onder betuijging dat de verstrecking van 22. Tromvellen in 6. Exceserh:d van de vertrecking maanden te hoogliep met recommandatie in het vervolg de menage wat beeter te behartigen; soo als voor een onnoodige last post wierd aange„ voor een onnoodig last ost aange sien de opgebragte 300. lb: buskruijt bij het doen der wagtschooten verbruijkt, ten tijde der marat„ „tijse Roobbenden het land door sworren ten eijnde haar te doen sien dat men op zijn hoede was, paskering mitslve on aer het geen voor deese reijse gepasseerd wierd, als meede als med, vendo op al daato de op Palliacatta ten dien selven eijnde verschoo„ tene 485. lb: dog t welk de Regeering goedvond voor het vervolg te verbieden, dewijl zulx de marattijs geen S 277. den 5e. Meij 1772. passeering ter afboeking van 2. ontost reeq: van daar geensints van het Rooven en plunderen weeder„ houden zoude, indien zij het mogten voorgenoomen hebben temeer het ook niet bekend was, dat zij zulx bij nagt dieden, maar wel bij helder Ligten dag; Terwijl die Reecquening soo wel, als die van de maand Maart ter afschrijving wierd gepas„ seerd. Gelijk ook de onkostreecquening van Palliacatta van de maand Februarij onder deese remarque dat het berottingen van twee sorte, den onder welke renarqie stoelen het verstellen van de wannen en seeven tot het suyveren van specerijen niet op onkosten ordinair„ maar op onkosten op Coopmansz: hadde moeten koo„ men; soomeede dat geen nieuwe wapenkamers goederen zullen moogen aangemaakt werden, soo lang de oude Restanten niet verstrekt zijn, mitsga„ ders het betaald werdende aan de Cattemarauws die ter verzpreijing der scheepen en vaartuijgen in zee gesonden werden; Gelijk reeds aangeschreeven is, voortaan niet ten Laste van onkosten van schee„ pen, maar op ontrosten ordinair te brengen, onder wijdere aankundiging dat het betaalde voor sant Jtem van een sualliacatse en
English
said office and straw for bedding under the paddy came to run too high. While furthermore the expense accounts of Palicol and Iaggernaijkpoeram, both for the month of February, were approved, with a written notice to Iaggernaijkpoeram that the amount paid both for making 24 new sponges, 60 handspikes, 8 cannon ladles, 24 linstocks, and 40 quoin wedges, as well as the 12. ½ Amboina beams charged for that purpose, appeared much too high, with the warning that upon encountering such enormous charges in the future, they would cause the same to be reimbursed into the treasury immediately, and likewise indemnify the Honorable Company for everything that upon examination might be found to have caused their Honors harm through carelessness or neglect. As also that they, the chiefs, must take care that such accounts that run too high do not come under the eyes of this Government, as happened concerning the re-washing, dressing, and congee-ing of the Palicol linens brought in wet over there; and further, with respect to Bimilipatnam, it was agreed to validate the expense account of the ship Zeekerlust for write-off, except for the 4 slings charged therein for the service of the fiscal, as being contrary to orders; therefore it was decided to have the amount disbursed for them counted back into the treasury, with orders henceforth to write off the mats and laths used in shipping linens to expenses on merchandise. After this, the memoranda of donations and carpentry work done in the first six months of the current financial year at the offices of Sadraspatnam, Palliacatta, Palicol, and Iaggernaijkpoeram were also resumed, and all of the same were approved for write-off under the necessary recommendations to observe economy, with a written notice to Palliacatta that although much expense was incurred on the buildings annually, one nevertheless repeatedly received no other reports than that the buildings were just as dilapidated and in a deteriorated condition; and with respect to the donation account of Palicol, to point out to the servants that, notwithstanding that the same was now ƒ671:9:8 less in purchase cost, the gift to the nawab, which was not delivered now, being added thereto, nevertheless produced a considerable surplus, which could be attributed to nothing other than the unauthorized expensive purchase of 20 covids of red cloth, whereas the chiefs were still provided with 8 pieces of blue and 40 pieces of green cloth, which they could have presented instead of the aforesaid purchased cloth, since it was all the same to the native in which color of cloth he was presented, provided they only obtained the value that they were accustomed to enjoy, which shortage of red cloth could easily have been remedied by adding a few more ells to it; with orders in the future not to make any purchase of that nature without special authorization or utmost necessity, on pain of double reimbursement; as it was also resolved, with respect to Iaggernaijkpoeram, to have reimbursed the repair done to the garden of the second in command amounting to pagodas 24. 9. —, since the Honorable Company was not obliged to incur expenses on the gardens of its servants. Furthermore, the memoranda of the deficits in weight and measures, etc., from the offices of Iaggernaijkpoeram, Palliacatta, and Sadraspatnam were resumed, upon which decisions were made as noted below in the margin of their brief extracts. Iaggernaijkpoeram Write off to profit and loss: 220. ½. lb of cloves, whereof: 125. –. lb on opening for sale, as: 15. ¼. lb on 1576. ¼. lb in 17 chests of cloves, calculated at 1 per cent ss. 3½. lb on 354. ¼. lb in 14 chests of nutmegs, at 1. 6 per cent 7¼. lb on 738. ¼ lb in 8 chests of cloves, at 1. per cent 18½. lb on 1856. ¼. lb in 20 chests of ditto, at 1. per cent 9. ¼. lb on 917. ¾. lb in 10 chests of ditto, at 1. per cent Rm 22. –. lb on 2202. ¾. lb in 24 chests of ditto, at 1. per cent po 1¾. lb on 180. –. lb in 6 chests of nutmegs, at 1. per cent 4½. lb on 459. ½. lb in 5 chests of cloves, at 1. per cent 14. ¼. lb on 1480. –. lb in 16 chests of ditto, at 1. per cent 2¼. lb on 240. –. lb in 8 chests of nutmegs, at — 7/16 per cent 25½. lb on 2501. ½. lb in 27 chests of cloves only, at 1. - Rm 54. ¼. lb on 547. —. lb in 54 chests upon delivery, at 1. per cent fs 45. –. lb upon survey, as: 34. –. lb on 339. —. lb in 113 nutmeg chests, loses 1. per cent rm 11. –. lb on 1096. ¼. lb in 36 garbled nutmeg chests, at 1. per cent 3. ¼. lb on 675: —. lb in [illegible] at the consumption chest is - 7/16 per cent Written off and transferred, or dust and debris of spices: 1307:½. lb dust and small heads of cloves on 13196:¼, collected over a period of 6 months, gives a loss of 10. ½ per cent 25. –. lb on opening for sale, as: 144.¼ lb on 1422. - lb in 14 chests, loses 1. per cent Rm 3½. lb on 600. -. lb in 6 chests of ditto, loses — 1/16 ditto 8. - . lb on 801. -. lb in 8 chests of ditto, loses 1. –. ditto ps 196. ¼. lb on 19684. - lb in 144 chests upon delivery, 1. ditto ps To be carried forward. Write off to profit and loss: 371½. lb nutmegs or long nutmegs; including
Dutch transcription
gem: Comptoir en stroo tol beddings onder de nelij te hoog op stok quam te Loopen. — sommed van en van polek e age Terwijl nog gepasseerd wierden de ontostreecque„ ningen van Palicol en Iaggernaijkpoeram beijde van de maand Februarij onder aanschrij„ dog onder welke aantz: na Laast vens naar Iaggernaijkpoeram dat het betaalde soo wel voor het nieuw aanmaaken van 24. wis„ sers 60. handspaken, 8. Cannonleepels, 24. Lond„ stocken, en 40. stelhouten, als de daar toe opgebragte 12. ½. balken ambon, veel te hoog is te vooren ge„ koomen, met bedrijging dat bij ontmoeting van diergelijke Enorme opbrengingen in het vervolg, men deselve ten eersten in Cassa soude doen rem„ bourseeren, soomeede d'E: Comp=e schaadeloos stel„ len al het geen bij Examinatie bevonden mogten werden, door agteloosheijd of verwaarloosing haar Edele nadeel is toegebragt geworden Gelijk ook dat zij opperhoofden sorge draagen moesten, dat dierge„ lijke hoog op stok loopende reekeningen niet onder het oog deeser Regeering koomen, als geschied is, om„ trend het herwassen opmaken en Cangien van de ginter den 5e' Meij 1772. nat. 6 279. den 5'. Meij 1772. reecq: van t schip Zeekerlink kagie en timm: reecq=s van ult:o febr: „amn lev: gem: Comptoir nofts de Timm: Reecq nat aangebragte Palicolse Lijwaaten; en voorts passeering van de biniles=s ontrest ten opsigte van Bimilipatnam verstaan is de onkostreecquening van het schip Zeekerlust ter afschrijving te valideeren, excepto de daar dog met welke Exceptoe bij opgebragte 4. slengen, ten dienste van den fis„ caal als teegens de ordre zijnde, derhalven be„ slooten wierd het afgegeevene daar voor weeder in Cassa te laaten tellen, met last voortaan de mat, en Latt ten bij het afscheepen van Lijwaaten verbruijkt wer„ „dende op onkosten op Coopmansz: afteschrijven. Hierna wierden almeede geresumeerd de passering ter arbekin vandeschon„ Memorien der Schenkagien en Timmeragien in de eerste ses maanden van het loopende boekjaar op de Comptoiren Sadraspatnam, Palliacatta, Palicol, en Iaggernaijkpoeram gedaan, en alle deselve onder de noodige recommandatien ter behar„ tiging der menagien ter afschrijving gepasseerd, met aanschrijvens naar Palliacatta, dat schoon dog onder welke aansz: nan all: Jaarlijk veele koste aan de gebouwen wierden gedaan, men telkens egter geen andere berigten kreeg, dan dat de gebouwen Eeven bouwvallig en van een gede„ valiseerden schenkagie inkop van roodlaaken e atrihueeren de zyn de niet meer te doen en op wat peene samn en halvolonterd de veliseerden toestand zijn, en ten opsigte van de schen„ kagie Reecquening van Palicol de bediendens voor„ te houden dat niet teegenstaande derselve als nu ƒ671:9:8. inkoops minder bedroeg, nogthans het geschenk aan den nabab, dat nu niet afgegeeven de merderheijd derselve saamdg wierd, daar bij geadeteerd zijnde, een reedelijke meerder„ heijd gaf, die nergens aan te attribueeren was, dan aan den ongequalificeerden duuren in koop van 20. @d: Roodlaken daar de opperhoofden nog met 8. Ca: blaauw, en 40. Ca: groenlaaken voorsien ge„ vreest zijn, dewelke zij insteede van het voorsz: inge„ kogte hadde konnen verschonken, alsoo 't den Jn„ lander om het even was inwelke Couleur van Laa„ ken beschonken wierd, in dien zij maar het bedraagen hoedanig zuls geremnosdier ze„ dat zij gewoon waaren te genieten, obtineerden het geen met eenige ellen meer 'er bij te voegen gemackelijk verbod zulde voor den aanstan, het gebrek van 't Roodlaaken geremedieerd had kun„ nen vierden, met Last om in het vervolg geen inkoop van die natuur te doen, sonder speciaale qual iticatie of hoogste noodsaakelijkheijd, op peene van een dubbelde rembourssement, gelijk ten opsigte van Paggernaijk p=r den 5'. Meij 1772. goedgevonden 281. den 5: Meij 1772. reparatie aan de thuijn van den secunde te Jagg: te laaten vergoeden. memorien van onderwigten van goedgevonden wierd te laaten geschieden, de gedaane repa„ bestuyjt de op gebragte pag: 4. 9: door„ ratie van de thuijn van den secunde ten montante van pa/o 24. 9. —. dewijl d'E: Comp=e niet verpligt was, ongel„ den te doen aan de thuijnen van derselver bediend=s Voorts passeerden almeede de Resumptie de Memorien resumptie van en dispositie op de der onderwigten en maaten &=a van de comptoiren Iagger voorm: factorij naijk p=r, Palliacatta en Sadrasp=m waar op sodanig gedisponeerd wierden als hier onder in margine van dies korte uijttreksels genoteert staat afsz op winst en verlies - - - - Iaggernaijk p=m te over Tchorl 220. ½. lb: Gariotfel nagulen daar van 125. –. lb: bij het openen tot den verthier als 15. ¼. lb of 1576. ¼. lb: in 17. kisten Nagelen reek=d 1 p=r C.o ss. 3½. „ „ 354. ¼. „ „ 14 _. o Nooten - - „ 1. 6 „ 7¼. „ „ 738. ¼ „ „ 8. _.o Nagulen - „ 1. „ „ 18½. „ „ 1856. ¼. „ „ 20. _. .o _.o - „ 1. „ „ 9. ¼. „ „ 917. ¾. „ „ 10. _. . _o. - . „ 1. „ R=m 22. –. „ „ 2202. ¾. „ „ 24. _o _o. . . „ 1. „ p–o 1¾. „ „ 180. –. „ „ 6. _. Nooten - - „ 1. „ „ 4½. „ „ 459. ½. „ „ 5. _. Nagulen - „ 1. „ „ 14. ¼. „ „ 1480. –. „ „ 16. _. o _ . „ 1. „ „ 2¼. „ „ 240. –. „ „ 8. _. . Nooten. . . „ — 7/16. „ 27. _o Nag: alleen „ 1. -. R=m 25½. „ „ 2501. ½. „ „ 54. ¼. lb: op 547. —. lb: in 54. kisten bij den aanbreng „ 1. „ f=s 45. –. „ bij den opneem; als 34. –. lb op 339. —. lb: in 113. nooten kisten verliest 1. „ r=m 11. –. „ „ 1096. ¼. „ „ 36. geguarbu l: nooten krisken „ 1. „ 3. ¼. lb. op 675: —. lb: in /m: bij de Consumptie kist is - 7/16. p:r C=o af en oversz: of stof en gruijs van specerijen - - - 1307:½. lb: stof en kruyntje van nag: of 13196:¼. in den teijd van 6. maanden bij een vergaderd geeft een verlies van 10. ½ p. r C=o 25. –. lb. bij 't openen tot den verthier als 144.¼ lb: of 1422. - lb. in 14. kisten verliest 1. p. r Cento R=m 3½. „ „ 600. -. „ „ 6. _. o _ — 1/16 _ o „ 8. - . „ „ 801. -. „ „ 8. _. _ . 1. –. _o ps 196. ¼. lb: op 19684. - lb: in 144. kesten bij aanbreng 1. _ . ps 37½. 2:½. Die Transporteere. afsz: op winst en verlies - - - - - - - - 371½. lb: Nooten of Rompen; waaronder .
English
the 5th May 1772. written off: to profit and loss - - - - reported. Remaining deficit 371 5/8. 2½. lb: By Transport 147. ½. lb: at the inventory, of which 113. —. lb: on 1290. - lb: in 113. chests gives well over 1. per Cent 34½. lb: on 3443.½. lb: in 36. ditto gives 1. ditto 1½. lb. on 220. —. lb: in 7 months: at the consumption chest calculates 1/10: per Cent precisely written off and transferred: as stated under the cloves 1755. -. lb: mite-eaten and infested nutmegs; namely 102. –. lb on 5117. –. lb: in the period of 7 months: collected together loses 2 per Cent precisely 1653. –. lb on 19684. –. lb: at garbling gives 8 7/8 lb: ample 129. ¼. lb: mace, of which . . . 129. —. lb: at the opening for consumption; namely 13. ¾. lb on 154. -. lb. in 1. sokkel calculates 8 1/16. per Cent ample 13¾. lb on 154. -. lb: in 1. ditto 8 1/16. per Cent ditto 11. –. lb on 154. –. lb: in 1. ditto 7. 1/8. per Cent ditto 12. ¾. lb on 154. -. lb: in 1. ditto 8. ¼ per Cent ditto 8½. lb on 154. -. lb: in 1. ditto 5. ½. per Cent ditto 12¼. lb on 154. - . lb: in 1. ditto 7. 1/16. per Cent ditto 25.½. lb on 154. -. lb: in 1. ditto 16 3/16 per Cent scarce 16½. lb on 154. - - lb: in 1. ditto 10. 1/16 per Cent ample 15. – . lb on 154. –. lb: in 1. ditto 9. ¼. per Cent precisely — ¼. lb on 150. –. lb: in 7 months: at the consumption chest calculates /½ per Cent written off and transferred: as stated under the cloves 24 ½. lb: on 306-. lb: dust and white leaves of mace in 6 months collected together gives a loss of 15. ½. per cent scarce. Palliacatta. 60¼. lb: Mace; thereof 33½. lb: on 154. - lb or 1. sokkel for consumption in these last 6 months: is 21. ¾. per Cent ample 1¼. lb on 124 17/16. lb: deficit at the consumption chest calculates 4 per Cent ample written off: as above and transferred: on dust and rubbish 25½. lb: white leaves rubbish and dust originating and collected from the abovementioned sokkel is 16 1/16 per Cent of spices. transferred: to profit and loss - - - - 34¼. lb. Short; thereof 214. 1/16. lb. 283. brought up in excess to be compensated or redressed taken in 5/8. lb: the 5th. May 1772. Remaining deficit 214: 1/16. lb: Cloves; of which 68. 3/16. lb: in underweight namely written off from this: to profit and loss 47. 5/8. lb: and 1¼. lb: too 47. 3/16. lb: or 624: ¼. lb. upon delivery, consumption, and inventory; namely 14 1/8. lb on 2083.¼ lb or 30. chests separately upon delivery calculates 1½. per Cent ample 22 5/8. lb on 2264. ¼. lb in 38. chests separately as sprinkled with nutmegs upon consumption in months: thereof. 5 5/8. lb on 565¼ lb: on 20. chests sprinkled with nutmegs loses 1. per Cent scarce . -. 17. -. lb on 1699. lb: on 18. chests separately calculates 1. per Cent ample 11 1/8 lb on 113: ¼ lb: or 12. chests separately at the inventory and the making of Transport loses 1. per Cent scarce written off: to profit and loss - - - - - - - 2. 1/6. lb on 2609:14. 8. at the consumption chest is 1. per Cent precisely written off and transferred: as stated under the mace. . . 145. ½. lb: dust and crowns of cloves originating and collected from 2364. ¾. lb: or 38. chests both separately and sprinkled with nutmegs at the opening for consumption; namely 90. -. lb on 169. — lb or 18. chests separately calculates 5 7/16. per Cent precisely 55.½. lb on 565. ¼ lb in 20. ditto nutmegs sprinkled with cloves is 9 7/16 per Cent precisely. 180 1/16. lb: Nutmegs or Rumpen; namely written off: to profit and loss also short 69 1/16. lb: in underweight; of this 40. ¼. lb: on 5376:½. lb: upon delivery and consumption; as follows 14. 3/16. lb on 1484. -. lb. or 20. chests sprinkled with cloves delivered and opened for consumption in these 6 months calculates 1. per Cent: scarce 12. 1/16. lb on 1709½ lb: 9. ditto separately to the same calculates 1 per Cent scarce 13. 3/8. lb on 2683. - lb in 20. chests ditto upon delivery calculates ½ per Cent scarce 29 5/16. lb on 2959. 3/16. lb: at the consumption chest calculates 1. per Cent scarce written off and transferred: as stated under the mace. - . . 110. ¼. lb: mite-eaten and infested nutmegs out of 2693½ lb: or 29. chests; namely 62. –. lb: on 1414. -. lb: or 20. chests sprinkled with cloves upon delivery calculates 4 /16 Cent 40¼. lb on 1209½ lb in 9 ditto separately also is 3 3/16. Cent 11 1/16. lb:
Dutch transcription
den 5' Meij 1772. afsz: op winst en verlies - - - - meld. Teover tekort 371 /8. 2½. lb: Per Transport 147. ½. „ bij den opneem, waar onder 113. —. lb: op 1290. - lb: in 113. kisten geeft 1. p.rCento Ruijm 34½. „ „ 3443.½. „ „ 36. _. o „ 1. _. . _. o 1½. lb. op 220. —. lb: in 7m: bij dee Consumptie kiest reek 1/10: p=r Co p.s af en oversz: als bij de nagulen gesegd is 1755. -. lb: vermyterde en aangestookene nooten; als 102. –. lb op 5117. –. lb: in den tijd van 7/m: bij een vergaderd verliekt 2 p.:r C. p. s 1653. –. - „ „ 19684. –. „ bij guarbulatie. . _:o 8 7/8 „ r=m 129. ¼. lb: foelij of macis, van dewelke . . . 129. —. lb: bij het openen tot den verthier; als 13. ¾. lb op 154. -. lb. in 1. zockel reekend 8 1/16. p=r Ce R=m 13¾. „ „ 154. -. „ „ 1. _. _ . 8 1/16. „ „ _. o 11. –. „ „ 154. –. „ „ 1. _o _o 7. 1/8. „ _. o 12. ¾. „ „ 154. -. „ „ 1. _. . _. 8. ¼ „ _. o 8½. „ „ 154. -. „ „ 1. _o _o 5. ½. „ _. o 12¼. „ „ 154. - . „ „ 1. _ . _ 7. 1/16. „ _. o 25.½. „ „ 154. -. „ „ 1. _o _:o 16 3/16 „ _o s=o 16½. „ „ 154. - - „ „ 1. _o _o 10. 1/16 „ _o R=m 15. – . „ „ 154. –. „ „ 1. _. o _o 9. ¼. „ _o p. s — ¼. lb op 150. –. lb: in 7/m: bij de konsumptie kist reekend /½ pr C:o af en oversz: als bij de nagulen is ge„ 24 ½. lb: o„ 306-. lb: stof en witte blaadjes van foelij in 6/m. bij een vergadert geeft een verlies van 15. ½. per„ cento s=s. Palliacatta. 60¼. lb: Foelij of macis; daar van 33½. lb: op 154. - lb of 1. zockel tot den verthier in deese Laaste 6/m: is 21. ¾. pr Co r=m 1¼. „ „ 124 17/16. „ te kort bij de Consumptie kist reek=d 4 „ „ afsz: als eeven en oversz: op stof en gruijs 25½. lb: witte blaadjes gruijs en stof voortgekoomen en versaameld uyt booven gem: zockel is 16 1/16 pr C: van specerijen. ovfsz: op winst en verlies - - - - 34¼. lb. Temin; daar van 214. 1/16. lb. 283. veel op gebragt te vergoeden of redresseeren ingenoomen 5/8. lb: den 5'. Meij 1772. Iover tekort 214: 1/16. lb: Gariofsel nagulen; van dewelke 68. 3/16. lb: aan onderwigten als hier van afsz: op winst en velies 47. 5/8. lb: en 1¼. lb: te 47. 3/18. lb: of 624: ¼. lb. bij den aanbreng verthier, en opneem; als 14 1/8. lb op 2083.¼ lb of 30. kisten afsonderlijk bij den aanbr: reek. d 1½. pr C.o R=m 22 5/8. „ „ 2264. ¼. „ „ 38. kisten afsonderlijk als met nooten bestort bij den ver„ thier in /m: daarvan. 5 5/8. lb op 565¼ lb: op 20. kisten met nooten bestort verliest 1. p. r C=o s=s . -. 17. -. „ „ 1699. „ op 18. thritten afsonderlijk reek=d 1. p. r Cento R=m 11 1/or tb op 113: ¼ lb: of 12. kisten afsonderlijk bij den op„ neem en het doen van Transport verliest 1. p. r C=o s. s afsz: op winst en verlies - - - - - - - 2. 1/6. lb op 2609:14. 8. bij de Consumptie kist is 1. p:r C. J=s af en oversz: als bij de foelij is gesegd. . . 145. ½. lb: stof en kruyntjes van nagulen voortgekomen en versaa meld uyt 2364. ¾. lb: of 38. kisten zoo afsonderlijk als met nooten bestort bij de opening tot den verthier; als 90. -. lb op 169. — lb of 18. kesten afsonderlijk reek. 5 7/16. pr Co p.s 55.½. „ „ 565. ¼ „ „ 20. _. o nooten met nag: bestort is 9 7/16 „ „. 180 1/16. lb: Nooten of Rompen; Teweeten afsz: op winst en verlies soomeede temin 69 1/16. lb: aan ondervrgten; van deese 40. ¼. lb: op 5376:½. lb: bij den aanbreng en verthier; als volgd 14. 3/16. lb op 1484. -. lb. of 20. kisten met nagul en bestort aangebragt en tot den verthier in deese 6/m: g'opend reekend 1. p:r Co: s. s 12. 1/16. „ „ 1709½ „ 9. d:o afsonderlijk adidem reek:d 1 p„r Co =s 13. 3/8. „ „ 2683. - „ „ 20. „ _ o bij den aanbr: „ ½ „ „ 29 5/16. lb op 2959. 3/18. lb: bij de Consumptie kist reekend 1. p:r C:o s=s af en overs=t als bij de foelij is gemeld. - . . 110. ¼. lb: vermyterde en aangestookene nooten uyt 2693½ lb: of 29. ketten; als 62. –. lb: op 1414. -. lb: of 20. ketten met nag: bestort bij den aanbr: reek 4 /16 Crt 40¼. „ „ 1209½ „ „ 9 —o afsonderlyk meede , „ _ is 3 3/16. „ 11 1/16. lb:
English
the 5th of May 1772. written off to profit and loss. this deficit has no relation to the Company, being private wood delivered solely by the supplier there to be transported over here, and furthermore no writing off takes place for around that amount Idem. as above previous year and to write off Remaining deficit 11 5/16. lb: Japanese bar copper on 8900. lb: in this first 6-month period consumed here is 3/4 per Cent 1. 7/16. lb. pig lead on 2130. lb. upon receipt is 1/16. per Cent 1 7/8. lb. sandalwood; namely 1. -. lb: on 110. -. lb: upon receipt is 1. per Cent — 1/16 lb. on 32. - lb. in this first 6-month period upon issuance is 1. per Cent the books there not being entered, the 1334. lb: caliatour wood deficit on the dispatched 71379. lb: is 1. per Cent 33. - paras f 200. - upon receipt calculated at 1 1/2. per Cent 229 1/4 paras on 7641. -. in this first 6-month period as well issued as sold is 3 per Cent 30. 1/8 measure Lampolij namely 10. 1/8. measures or 12. paliacates or 315. nagapatnam calculated 4: per Cent 19 5/16. measures on 307. -. in 6 months issued is 5. per Cent likewise also 11. 1/2. lb: wax on 304: 1/2. consumed in this book year is 3. per Cent 60. 1/8. lb: on 4007. -. lb: upon dispatch calculated 1 1/2. per Cent 11 1/4. lb. on 705. 1/4 lb. consumed in this book year is 1 1/2 per Cent 3 7/8. lb. Dutch nails on 224. 1/8. consumed in this book year is 1 1/2 per Cent — 1/2. lb. steel on 34. 1/4. lb: as the same is 1 1/2. per Cent written off to merchandise expenses 2. - pieces wooden packing racks of the warehouse goods broken and of no use for service as stated 71 1/8. lb. Dutch iron; namely written off to profit and loss 252 1/4. paras coarse white paddy; namely Warehouse Goods with their monetary sum running, and being in ordinary use, it is respectfully requested to be permitted to write them off, in order to remain, for as long as they are usable, continued in the booklet of unassessed goods 10. pieces of 50. lb: 1. - piece of 25. lb. 1. - piece of 10. lb. 1. piece of 5. lb. written off to previous year's profit and loss because for 2. –. pieces large iron balances reason it was neglected to write off the same in previous 20. -. pieces metal weights; whereof 1. - piece of 4. lb. 1. piece 285. likewise also as above the 5th of May 1772. Remaining deficit 1. piece of 2: . lb. 1. -. piece of 1. lb. 1. -. piece of — 1/2. lb. 1. - piece of — 1/4. lb. 1. piece of — 1/8. lb. 3. - pieces packing racks 3. – pieces room cloths 2. - pieces sorting tables 1. —. piece whole oil measure 1. piece half oil measure 2. - pieces calibrated ells 3. – pieces Jacob's staffs Ammunition Goods as before 12. - pieces wooden cartridge cylinders 6. - pieces gun carriages 26. - pieces sponge staves 2. - pieces limbers 10. – pieces garrison carriages 38. - pieces powder horns 7. –. pieces large powder chests 1. piece rack 26. - pieces truckle wheels 4. –. pieces packing racks 6. - pieces gun carriage blocks 32. - pieces linstocks Armory Goods; as mentioned 9. -. pieces halberds 7. –. pieces long pikes 100. – pieces wooden ramrods 2. - pieces wooden drum vessels to the same f 30. -. pieces handspikes Equipment the 5th of May 1772. as above. spice dust. remaining deficit Equipment Goods Sadraspatnam 151. 7/8. lb: short; whereof 144. –. lb. on 1386. —. lb: or 9. sokkels calculated 10. 7/18. percent 7 1/8. lb. on 768. 1/2. lb. at the consumption chest is 1. per Cent written off to as before and transferred to dust and 438 1/4. lb: white leaves dust and refuse originating from the aforementioned 9. sokkels namely 50. –. lb. on 154. -. lb. or 1. sokkel calculated 32. 7/16. per Cent 29. –. lb. on 154. -. lb. or 1. sokkel calculated 18. 7/16. per Cent 43. 1/4. lb. on 154. –. lb. or 1. sokkel calculated 28. 1/16. per Cent 42. –. lb. on 154. -. lb. or 1. sokkel calculated 27. 1/4. per Cent 48. 3/4. lb. on 154. –. lb. or 1. sokkel calculated 31. 3/8. per Cent 58. 1/4. lb. on 154. –. lb. or 1. sokkel calculated 37. 7/16. per Cent 51. 1/4: lb. on 154. -. lb. or 1. sokkel calculated 33. 1/4. per Cent 57. –. lb. on 154. -. lb. or 1. sokkel calculated 37. —. per Cent 920. 5/8. lb cloves; whereof 17. 1/2. lb: upon receipt; namely 13. - lb: on 309: 1/4 lb. or 3. chests separately calculated 7/16 per Cent 4. 1/2. lb. on 911 1/2. lb. on 10. chests separately calculated 1/8. per Cent 5: 1/8. lb: on 230: 1/4. lb: or 25. chests also separately upon opening and cleaning for consumption calculated 1/16. per Cent 7. 1/8. lb. on 720. –. lb. on 8. chests separately upon inventory calculated 1. per Cent 25 7/8. lb. on 2515. -. lb. at the consumption chest is: 2. per Cent written off and transferred as stated under the mace 865 1/8. lb: dust and small heads from the aforementioned 25: chests, and more chests opened for consumption; namely 163 1/4. lb. on 1348. 1/4. lb: or 15. chests is 12. 1/8. per Cent 307. 1/4 lb. on 2700 1/2. lb. on 1. 7/18 is 11. 7/8. per Cent 294. 5/8. lb. on 2358. 1/4 lb. on 25. chests is 12. 7/8. per Cent 920 5/8. lb: which are carried forward 1. –. piece iron pot written off to profit and loss 590. 3/4 lb: mace, whereof 59. 1/4. lb. on 154. -. lb. or 1. sokkel calculated 38. 1/2 per Cent written off to profit and loss 54. 7/8. lb: deficit to wit
Dutch transcription
den 5. ' Meij 1772. atsz: op winst en verlees. deese tekort, koming heeft geen betrecking tot d' Comp: als— particulier hout zynde door den Leverancier aldaar eenelijk„ geleeverd om dit heen overgevoerd te werden en booven dien bij„ omtrend geen afsz: plaats heeft Idem. als eeven - - - - - rige Jaar en afteschrijven Fover tekort 11 5/16. lb: staafkooper Japans of 8900. lb: in deese eerste /m: vethier is /¾ p:r C:o 1. 7/16. „ Zeuglood op 2130. lb. bij den aanbreng is - 1/16. p:r Co. 1 7/8. „ Zandelhout; als 1. -. lb: op 110. –. lb: bij den aanbreng is 1. p. r Cento — 1/16 „ „ 32. - „ in deese eerste 6/m: bij verstrecking is 1. p=r Cento de boeken aldaar niet ingenoomen weesende da 1 3¾3. lb: Calliatourhout tekort op de versondene 71379. lb: „ 1. _. o 33. - parcke ƒ 200. - bij den aanbreng Reekend 1½. p:r C=o 229¼4 „ „ 7641. –. in deese eerste 6/m: zoo verstrekt als verkogt is 3 p:r C:o - - - - - 30. 1/0s maate Lampolij als 10. 1/5. maetn of 12. palliacatse of 315. Naga=se reek=d 4: p=s Cento 19 5/16. „ „ 307. -. _. o in 6/m: verstrekt _o 5. _. o meede zoo - - - - - - 11. ½. lb: wak op 304: ½. in dit boekjaar verbruijkt is 3. p:r Cento 60. 1/8. lb: op 4007. -. lb: bij versending reekend 1½. p r Cento 11¼. „ „ 705. ¼ „ in dit boekJaar verbruykt is 112 p:r Cento 3 7¾. lb. spijkers hollands op 224. 1/8. in det boek jaar veryjkt is 1 1½ p:r C:o — ½. „ staal _. „ 34. ¼. lb: ad jdem is 1½. p. r Cento afsz: opontkosten op Coopmansz: -. - 2. - p=s houte pakstellingen van de pakhuijs goederen gebrooken en tot geen dienst nut als gesegd - - - - - - 71 1/8. „ ijser hollands; als afsz: op winst en verlies - - - - - 252 ¼. pavr s Nelij groove witte; als Pakhuijs Goederen met haar geld somma loopende, en in ordinair gebruijk zijnde zoo werd Eerbiedig versogt desel„ re te moogen afschrijven, om zoo Lange bruykbaar zijn bij het boekje van ongetaxeerde goederen te blijven voort„ loopen 10. . f. s van 50. lb: 1. - „ „ 25. „ 1. - „ „ 10. „ 1. . „ „ 5. „ atsz: op voorjaarige winst en Clies om 2. –. p=s Groote yzere Balance reeden versuymt is, deselve in voor„ 20. -. „ metaele gewigten; waar van 1. - „ „ 4. „ 1. p.:s 285. meede Zoo als eeven - - - den 5. ' meij 1772. Teover tekort 1. . p:s van 2: . lb. 1. -. „ „ 1. . . „ „ 1. -. „ „ —½. „ „ „ 1. - „ „ — ¼. „ 1. . . „ „ — 1/8. „ 3. - p. s pakstellingen 3. – „ zaalkleeden 2. - „ Zorteer tafels - - „ 1. —. „ heele olymaat 1. . . „ halve _. o 2. - „ g'eykte Ellen 3. – „ Cob=s stocken Ammonitie Goederen als vooren 12. - „ houte kardoes kookers 6. - „ affuijten 26. - „ wisserstocken 2. - „ Voorwaagens 10. – „ Rampaarden 38. - „ kruythoorns 7. –. „ Groote kruytkisten 1. . „ Reg 26. - „ blockwielen 4. –. „ pakstellingen 6. - „ affuyt blocken 32. - „ Londstocken wapenkamers Goederen; als gemeld 9. -. „ hellebaarden - - „ 7. –. „ Lange pieken 100. – „ houte Laadstocken 2. - „ houte Tromvaaten. ad Jdem - - - - - - - - ƒ30. -. „ handspaaken Equipagie - den 5'. Meij 1772. ut supra. - gruijs van specerijen. te over tekort Equipagie Goederen Sadraspatnam . . 151. 7/8. lb: Temin; van deese 144. –. lb. op 1386. —. lb: off 9. Zockel reek=d 10. 7/18. percento R=m 7 1/8. „ „ 768. ½. „ bij de Consumptie kist is 1. p=r Cento s. s afsz: op als vooren en oversz: op stof en 438¼. lb: witte blaadjes gruijs en stof voortgekomen uyt voorm: 9. zockels als 50. –. lb. op 154. -. lb. of 1. Zockel Reekend 32. 7/16. p=r C„o Rr=m 29. –. „ „ 154. -. „ „ 1. _ . _o 18. 7/16. „ „ „ 43. ¼. „ „ 154. –. „ „ 1. _. . _ 28. 1/16. „ „ „ 42. –. „ „ 154. -. „ „ 1. _o _o 27. ¼. „ „ „ 48. ¾. „ „ 154. –. „ „ 1. _o _o 31. 3/8. „ „ „ 58. ¼. „ „ 154. –. „ „ 1. _o _. 37. 7/16. „ „ „ 51. ¼: „ „ 154. -. „ „ 1. _o _. 33. ¼. „ „ „ 57. –. „ „ 154. -. „ „ 1. _o _o 37. —. „ „ „ 920. 5/8. lb Gairiotel Nagulen; van deese 17. ½. lb: bij den aanbreng; als 13. - lb: op 309: 1/¼ of 3. isten afsonderlijk reek.d 7/16 prCo p=s 4. ½. „ „ 911½. „ 10. _. _o _:o 1/8. „ „ „ 5: 1/8. lb: of 230:¼. lb: of 25. kisten meede afsonderlijk bij 't openen en zuijveren tot den verthier reekend 1/16. p=r Cento R=m 7. 1/8. „ „ 720. –. „ „ 8. kisten afsonderlijk by den opneem reekend 1. p.:r C. o s=s 25 7/8. „ „ 2515. -. „ „ bij de Consumptie kist is: 2. pr Co V=s af en oversz: als bij de foelij is gesegd 865 1/8. lb: stof en kruintjes uijt voorsz: 25: kisten, en meer tot den verthier geopende kisten; als 16.3¼. lb. op 148. ¼. lb: of 15. kisten is 12. 1/8. p=r Cento s=s 307. ¼ „ „ 2700½. „ „ 1. 7/18 „ „ 11. 7/8. _o R=m 294. 5/8. „ „ 2358. ¼ „ „ 25. . „ „ 12. 7/8. _. . p. s 920 /„ 920/8. lb: Die Trensporteere - - - - - 1. –. p. s Eysere pot afsz: op winst en verlies- - - - - - - 590. 3/¾ lb: folelij of macis, hier van 59. ¼. „ „ 154. -. „ „ 1. _o _ 38. ½ „ „ „ afsz: op winst en verlies - - - -. 54. 7/8. lb: tekort teweeten
English
287. written off to profit and loss from the book of unappraised goods to break down and smash to pieces, provided that the 6 pieces of iron found thereon are weighed and taken in. through many years of use 8 rotted and broken the 5th of May 1772. Surplus Deficit 92 1/10 92 1/18 lb. Carried over. 100 7/8 lb. on 1061½ lb. or 29 chests of poured nutmegs is 12 7/8 percent 823 ¾ lb. Nutmegs or whole nuts; of which 47 ¾ lb. upon receipt; being 13 ¼ lb. on 429 ¼ lb. or 30 chests is 7/16 percent 34 lb. on 6821 ¼ lb. on 50 chests is ½ percent 1 7/8 lb. on 962 ¼ lb. or 7 chests calculated upon dispatch percent 30 3/8 lb. on 3089 lb. upon the consumption chest 1 percent written off and transferred as before 743 ½ lb. mite-eaten and damaged gathered from the aforementioned 66 chests, being 205 1/10 lb. on 2061 ¼ lb. or 29 chests calculating 13 17/16 percent 395 1/8 lb. on 4115½ lb. on 30 chests 9 7/8 percent 63 ¼ lb. on 962¾ lb. on 7 chests 6 1/16 percent written off to profit and loss 79 ¾ lb. short; being 33 lb. bar copper Japanese, of which 15 lb. on 2400 lb. upon receipt is 1/16 percent 18 lb. on 14374 ¼ lb. upon sale in these 6 months is 1/10 percent 52 parras coarse unhusked rice of this 30 lb. on 2000 parras upon receipt is 1½ percent 22 parras on 1102 ditto issued in these 6 months is 2 percent 1 ¼ lb. on 19 lb. spelter upon receipt is 1/16 percent 3½ lb. on 90 cans arrack issued in these 6 months is 4 percent 50¼ lb. on 5000 lb. Dutch iron issued and sent in these 6 months 1 percent 15 7/8 lb. on 132 lb. wax for the making of candles 12 percent written off to ordinary expenses 3 pieces of weaponry with cash taken along by a runaway soldier 1 piece cutlass with brass hilt 1 piece scabbard and 1 piece sword belt Unserviceable Goods 7 pieces under the second officer, being 5 pieces freestone foot-troughs and 2 pieces wooden packing stands the 5th of May 1772. decision to have the goods lying useless there transferred here, and why. Surplus Deficit 10 pieces under the overseer of the armory; being 2 pieces half-hour glasses and broken through daily use 8 ditto pikes 29 pieces under the overseer of the artillery and rigging, of which 4 pieces gun carriage wheels used in place of the broken and rotted ones 4 pieces rammers with their sponges broken 8 pieces handspikes broken during the moving of the cannons 6 sail needles 2 paintbrushes broken and worn through daily handling 4 powder horns 1 cartridge chest rotted Regarding the goods lying useless at the aforementioned three factories, which for the present cannot be employed there, and thus are more and more subject to decay: it has been resolved to have the following transferred here; namely From Sadraspatnam everything that is found there, except 34 Grenade Pouches 24 ditto shoulder straps 113 sword belts 106 cartridge pouches 50 scabbards for cutlasses and swords, which should be kept there to be issued to the garrison, with expression of displeasure 19 289. the 5th of May 1772. that such was not done, instead of the armory goods newly made each time annually for that purpose 2 partisans 116 flintlocks 1 broadsword 100 matchlocks 1 brass spyglass 1 binnacle compass 2 tin lanterns 11 brass bullet molds 17 iron dittos 2 brass lanterns 5 halberds As well as those written off there under the ammunition 1 tin and 1 brass lantern From Jaggernaickpoeram 180 pieces green cloth in whole pieces 141 bottles distilled waters. From Pulicat 1500 the 5th of May 1772. 1500 round shot 348 stone cannon balls 225 flintlocks 117 swords 4 blunderbusses 43 pairs of spectacles, both with gold and silver rims 23 flintlocks, both gilded and carved and fine 25 pairs of pistols, gilded, with fine screw-off barrels and pocket dittos 11 pairs of small scissors 15 magnifying glasses 6 burning glasses 6 diverse spyglasses 4 cutlass blades 8 flintlocks 4 iron grapnels 5 compasses 3 binnacle lamps 1 brass pitch kettle 2 one-hour hourglasses 15 half-hour hourglasses unserviceable. 5 291. the 5th of May 1772. armory goods before making new ones. Dorothea to Pulicat and Jaggernaickpoeram 5 gun carriages and 9 carriage frames With orders to first issue the bayonet scabbards, cartridge belts, etc., mentioned under the armory goods, before new ones may be made, under further notification of the desire of this Government that no large balances of such sort of goods shall be kept on hand other than what is necessary for daily distribution in place of those that came to be unserviceable through use. Furthermore, upon the proposal of the governor, it was decided to send the sloop The Anthonia Dorothea to Pulicat and Jaggernaickpoeram to transport cash and unhusked rice through the first-mentioned factory, also writing materials and rosewater for Jaggernaickpoeram, as well as 10000 three-swami pagodas and other necessities for Palicol, whither at the same time it was resolved to send from Jaggernaickpoeram, either through the Yanam River or by other easier routes
Dutch transcription
287. afsz: op winst en verlies - - - uyt 't boekje der ongetaxeerde goederen Laats, en aanstucken slaan, mitsg:s het 6. -. p. s hier van daar aan 't vinden zynde ijzer &„a weegen en inneemen. door lang Jaarig gebruijk 8 molmd en gebrooken den 5:' Meij 1772. Teover tekort 92. 1/0. 92. 1/18. lb. Per Transport. 100. 7/8. lb. op 061½. lb: of 29. kisten bij nooten gestort is 12 /8 p:r C=o 823. ¾. lb: Nooten of Rompen; hiervan 47. ¾. lb: bij den aanbreng; als 13 ¼. lb. of 429: ¼. lb: of 30. kesten is 7/16. p r Cento R=m 34. -. „ „6821. ¼. „ „ 50. _ o „ ½. _. _=s 1 7/8. lb op 962. ¼. lb. of 7. kisten bij den verthier reek.d /0. p:r Co p=s 30. 3/8. „ „ 3089. —. „ bij de consumptie kiest - - „ —1. „ „ „ af en oversz: als vooren - - - 743. ½. lb: vermyterde en aangestookene vergaadert uyt voorm 66. kisten als 205 1/0. lb: op 206:1/¼. lb: of 29. kisten reekend 13 17/16. p:r Co s. s 395: 1/8. „ „ 4115½. „ „ 30. _ . _o 9. 7/8. „ „ 63. ¼. „ „ 962¾ „ „ 7. _:o _. 6. 1/16. „ „ afsz: op winst en verlies - - - - - - 79. ¾. lb: temin; als 33. –. lb: staatkoper Iapans, hier van 15. –. lb. op 2400. -. lb. bij den aanbreng is 1/16. p. r Cento 18. –. „ „ 14374:¼ „ bij verkoop in deese 6/m. is 1/0. p:r Cento 52. –. parr s nelij groove van deese 30. –. lb: op 2000. –. parr=s bij den aanbreng is 1½. p=r Cento 22. – - „ „ 1102. –. d=o in deese 6/m: verstrekt is 2 _. o 1. ¼. lb: op. 19. -. lb: spierlter bij den aanbreng is 1/16. _ o 3½. „ „ 90. - kann: arrak apij in deese 6/m: verstrekt is 4. p=r Cento 50¼. „ „ 5000. -. lb: ijzer hollands „ „ „ verstrekt en versonden ik _:o 15. 7/8. „ „ 132. -. „ wax - - „ „ „ tot 't maaken van kaar sen 12 _. o afsz: op onkosten ordinair - - - 3. - . ps wapengoederen met geld Loopende door een weggeloopen soldaat meede genoomen 1. -. p.s houwer met kooper gevest 1. -. - „ schee en 1. - „ port d' Espee onbequaame Goederen 7. –. p. s onder den secunde als 5. - p=s arduijne voetbacken en 2. - „ houte pakstellingen den 5'. Meij 1772. besluyt de dear onmuit leggende goederen dit heen te doen overbrengen en waarom. teover tekort 10. – p. s onder den opsiender der waapenkamer; als 2. –. p:s halv uurs glaasen en door dagelyk gebruyk gebroken 8. – „ _:o pieken - -- 29. -. p.s onder den opsiender van de arthillerij en Equipagie daar van 4. – p. s affuyt wielen insteede van de gebrookene en vermolde verbruykt 4. - „ wissers met haar aansetters gebrooken 8. – „ handspaaken bij't versetten der Cannons gebrooken 6. - „ Zeijlnaalden - 2. - „ vervrkwasten - door dagelyk behandeling ge„ 4. - „ kruythoorns - - - brooken en verkleeden 1. – „ kasdoes kist vermolmd Belangende de op voorsz: drie factorijen onnut leggende goederen, dewelke voor eerst aldaar niet g'em„ „ploijeerd kunnen werden, en dus meer en meer aan be„ Except het nev:t gen: ven admas: der H onderhaavig zijn: soo is verstaan daar van het ondervolgende dit heen te laaten overbrengen; teweeten Van Sadras p=m alle het geene daar te vinden is, behalven 34. Granaat Zacken 24. _. o Lakriemen 113. port d' Espee 106. pattroon tassen 50. scheeden tot houwers en deegens, dewelke aldaar zoude moeten aangehouden om aan het guarnisoen verstrekt tewerden, met betuijging van het ongenoe„ gen ƒ .. 19 289. den 5e. Meij 1772. gen dat zielx niet gedaan is, insteede van de telkens ten dien eijnde Jaarlijk nieuwe aangemaakte wapenka„ mers Goederen 2. partisaanen 116. Snaphaanen 1. slagtswaard 100. Leijd geweiren 1. koopere verrekeijker 1. Nagthuijs Compas 2. blicke Lanthaarnen 11. koopere kogelmallen 17. ijzere ditos 2. koopere Lanthaarnen 5. helle baarden Soomeede de bij de ammonitie aldaar afgeschreevene 1. blicke en 1. koopere Lanthaarnen Van Saggernaijkpoeram 180. Ca: Groen Laaken aan heele stucken 141. flessen gedisteleerde waateren. Van Palliacatta 1500: den 5 ' Meij 1772. 1500: Rondscherp 348. steene kannon kogels 225. snaphaanen 117. Deegens 4. Donderbossen 43 Neusbrillen. soo met goude als zilvere Randen 23. snaphaanen soo vergulde als uytgekapte en fijne 25. paaren pistoolen vergulde, met afschroeven fijne en sack ditos 11. knipschaartjes 15. vergroot glaasen 6. brandglaasen 6. versekeijkers diverse 4. houwer klingen 8. snaphaanen. . . . . 4. ijzere dreggen - - - - - 5. Compassen - - - - - 3. nagthuijslampen. . . - 1. Koopere pikkeetel - - - 2. Een uurs, uirt Glaasen. . 15. halve uurs, uursglaasen. onbequaam. 5. 291. den 5e. Meij 172. wapenkamers goederen alvoorens „nieuwe aantemaaken. „dorothea napall: en Jagg: 5. affuijten en 9. Rampaarden Met last om de onder de wapen kamers goederen latene Jag: ten setecking van den vermelde bajonet scheeden, Cardon riemen &a eerst te verstrecken, eer dat nieuwe aangemaakt zullen moogen werden, onder verdere te kennen geeving van en metwelke onder begeerte de begeerte deese Regeering dat geene groote Restan„ ten van sulk zoort van goed aanhanden sal moogen weesen anders dan het geene tot de dageleijkse ver„ strecking nodig is in steede van die, die door ge„ bruijk onbequaam quamen te worden. wijders wierd op den voorstel van den heer gouaanleg van de Chialoup, anthonia verneur beslooten de chialoup De Anthonia Doro„ „thea naar Palliacatta en Iaggernaij kpoeram te senden ter overbreng van Contanten en nelij door het Eerst gemelde Comptoir, Jtem schrijftuijg en Roosenwaater voor Iaggernaijk poeram, mitsga„ ders 10000. drie beeldige pagorden en andere nood„ wendigheeden voor Palicol, werwaards teffens ver„ staan wierd van Taggernaijkpoeram, het zij door de Ennamse Revier dan wel andere gemackelijker weegen
English
to have Portonovo called at, and to have them sent over here from there. Tearing down of the placcaat concerning the clipping of the fanums from the gates, etc. to have unloaded the following timber, namely: 50 large Tenasserim planks 9 swalpen 20 Ambon beams 20 Glondong beams 500 teak planks 400 small Tenasserim planks; for which the Palicol chiefs are in great need for the further construction of the lodge there, as well as to have the said sloop, in passing, call at Portonovo in order to set ashore there the clerk Hendrik Wijnand Verschuijlenburg instead of the clerk Frans Jacob Nurenburg, whom, upon his request made to that end, it is deemed fit to have come here. It having furthermore been demonstrated by the Lord Governor that the recently issued placcaat concerning the clipping of fanums, posted as usual at the city gates and other public places, had repeatedly been torn down at night after the closing of the gates, first from the inner city gates, and later from those of the outer city; which was regarded by His Honour as well as the Members as a bold act and very far-reaching insolence to the decline of the Government and mockery of the laws established by the same; wherefore it was to be wished that the perpetrator could be caught, in order to make him receive his just deserts, as an example and deterrent to other such evil-doers. Resolution to have other copies posted. Thus it was approved to have other copies of those placcaats posted in place of the torn ones, and furthermore, by posting notices, to offer a reward of 100 pagodas for the one who can identify the perpetrator and their accomplices; furthermore, to strictly order the fiscal of this main settlement as well as the military chief and sub-officers to keep a close watch and conduct an exact investigation in order to catch the perpetrator. Finally, the following persons were admitted, promoted, and granted an increase in pay for the undermentioned capacities and salaries in the Company's service, namely: Leander, Abdoel Kadier, Abdoel Rahiem, Oessing, Samarang, Francisco Croes, and Jacob Pedro, as soldiers among the Easterners at 3 rixdollars a month. Fortinatus de Costa of Sadraspatnam, Francisco Sigueira of Pondicherry, Gaspar de Croes of Nagapatnam, Jeronimus Anthonij de Consesan of Nagapatnam, Carel Leonard Placteur of Nagapatnam, all as soldiers at 9 guilders each. Ian Hamer of Nagapatnam as sailor, and Ezau Jonker of Palicol as gunner, both with a salary of 11 guilders each. David Jacobsz of Nagapatnam as fifer at 9 guilders. Frans Hendrik Wenger of Nuremberg, provisional assistant, promoted to junior assistant at 16 guilders on his current contract. Ian Jacob Beerenstraat of Nagapatnam, quartermaster at 18 guilders, promoted to boatswain at 24 guilders. Fredrik Gijger of Neckerweijgingen, soldier at 9 guilders, promoted to organist at 18 guilders. Jochem Deurs of Femmern, gunner at 16 guilders, promoted to bombardier at 20 guilders. Hendrik Willem Rijneke of Amsterdam, and Jacob Heugeman of Bremen, both gunners at 14 guilders, increased in pay to 16 guilders each. Daniel van Doorn of Kampen, soldier at 11 guilders, and Jan de Jongh of Gouda, sailor at 10 guilders, both increased in pay to 14 guilders each for 5 years. And Adriaan de Costa of Nagapatnam, soldier at 9 guilders, increased to 11 guilders for three years. Thus done and resolved in the Castle of Nagapatnam, date as above. Signed by all. Saturday the 9th of May, anno 1772. By inquiry: Having been informed by the Portonovo Resident in his letter of the 5th of this month, sending along the relevant papers thereto, of the arrest by the English Governor at Cuddalore, Mr. Dawson Davison, of the two younger brothers of the Company's merchants at Portonovo, Papoe Chittij and Ramalinga Chittij, in the name of Boetje Chittij, in a matter of an account regarding the past administration that Pena Naga Chittij, Ragoena Chittij, and Sanga Ragoena Chittij—uncle, grandfather, and father of the aforesaid two Company Portonovo merchants—had of the exchange banks in Cuddalore, Portonovo, and Tranquebar entrusted to them; notwithstanding that this matter or the account in that regard, according to a mutual release executed and granted between the aforesaid two Portonovo merchants and the eldest brother of the said Adiappa Chittij and head of the family, Soengoesesasela Chittij, has been fully settled and liquidated by the payment of the remaining debit balance of 600 pagodas, whereby all the accounts and bonds that were in the hands of the aforementioned Poengoesesaselam Chittij as well as in his exchange banks.
Dutch transcription
porlonoo de laaten aangieren, entien wat eyndee van daar dit heen te laaten overkomen. gedaane afscheuring van 't placcaat weleg:s t besndrijen der J=o van de poor„ ten Et weegen te laaten afsteeken de ondervolgende hout„ werken; als 50. Tin kanse planken groote 9. swalpen 20. Balken ambon 20. _. o Glondong 500. Iatij planken 400. Tinkanse planken kleene; waaromme de pali„ colse opperhoofden seer verleegen sijn ter voort bouwing mitsg: deshigleis inspasant van de Logie aldaar, mitsgaders gemelde Chialoup Empassant Portonovo te laaten aangieren ter aan de wal setting aldaar van de pennist Hen„ bestuyt den samt sairenrberg drik Weijnand Verschuijlenburg insteede van den pennist Frans Iacob Nurenburg die men goedvind op zijn daar toe gedaan versoek dit heen te laaten koomen. —. Door den heer Gouverneur voorts vertoond zijnde, dat het Jongst g'emaneerd placcaat wee„ gens het besnoeijen van fanums, aan de stadts poor„ ten, en andere publicque plaatsen naar gewoonte geaffigeerd, bij nagt na het sluyten der poorten een den 5:' Meij 1772. en 293. den 5. Meij 1772. laaten aan placken. voorden geene die de clader en zijn complisen aanwijsen „caal en militaire officieren engagie van diverse persoonen. en andermaal afgescheurd waaren, eerst van de binnen„ stadspoorten, en naderhand van die van de buijtenstad, waar om detselve aangemeekt het geen bij zijn Edele soo wel, als de Leeden aangemerkt wierd, voor een stout bestaan en seer verre gaande insa„ lentie tot declin van de Regeering en bespotting der wetten door deselve gestatueerd, dierhalven het tewen„ schen was dat men den dader attrapeeren konde, om loon na werken te doen erlangen, tot Excempel en afschrik van andere diergelijke quaaddoenders, soo is goedgevonden andere affschriften dier placcaaten bestuijt andere afschriftente in steede van de gescheurde te laaten aanplacken, en voorts bij affixie van billietten een premie van 100. en een premie van 10 Jag: testalken pagooden te stellen, voor den geene die den daader en hunne Complicen sal konnen aangeeven, voorts den fiscaal deeser hoofdplaatse soo wel als de milic gtem met welke lastaande bis„ taire hoofd en onder officieren ernstig te gelasten om goed toesigd te houden, en Exact ondersoek te doen ter attrappeering van den daader. — Eijndelijk wierden de ondervolgende persoonen admissie bevorderingenverloging voor de onderstaande qualiteyten en gagien in 'sComp=s dienst geadmitteerd, mitsgaders bevorderd en verhoo„ ging. vervolg ging van gagie toegevolgd; Teweeten Leander, Ab„ doel kadier, Abdoel Rahiem, oessing, Samarang, Francisco Croes, en Iacob Pedro, voor zoldaaten onder de oosterlingen met 3. Rijx d=s 'smaands. For„ tinatus de Costa van Sadraspatnam, Fran„ cisco Sigueira van Pondicherij, Gaspar de Croes van Nagapatnam, Jeronimus Anthonij de Con„ sesan van Nagapatnam, Carel Leonard Plat„ teur van Nagapatnam alle voor soldaaten met ƒ 9. ieder, Ian Hamer van Nagapatnam voor mattroos, en Ezau Ionker van Palicol voor Bosschieter beijde met een besolding van 11. guldens ieder, David Iacobsz: van Nagapatnam voor Pheijper met ƒ 9. Frans Hendrik Wenger van Neurenberg provisioneel adsistent bevorderd tot Jong adsistent met ƒ 16. op zijn Loopende ver„ band. Ian Iacob Beerenstraat van Naga„ patnam quartiermeester met ƒ 18. bevorderd tot tot bootsman met ƒ 24. Fredrik Gijger van Neckerweijgingen zoldaat met ƒ 9. bevorderd tot organist met ƒ 18. Iochem Deurs van femme„ den 5e. Meij 1772. ren. 295. den 5e. Meij 1772. de broeders van 2. port: coopl: met een ander inlander na Madrasp=m te schrijven ren Cannonier met ƒ 16. bevorderd tot bombardier met ƒ 20. Hendrik Willem Rijneke van amsterdam, en Iacob Heugeman van Breemen beijde Canno„ niers met ƒ14. in gagie verhoogd tot ƒ 16. ieder; Da„ niel van Doorn van Campen zoldaat met ƒ 11. en Jan de Iongh van Gouda mattroos met ƒ10: beijde in gagie verhoogd tot ƒ 14. ieder voor 5 Iaaren, mits„ gaders Adriaan de Costa van Nagapatnam zoldaat met ƒ 9. verhoogd tot ƒ 11. voor drie Iaaren. Aldus Gedaan en Gearresteerd In 't Casteel Tot Nagapatnam Dato voorsz: /:was geteekend:/ Door alle. Saturdag Den 9. ' Meij A„o 1772. Bij Rondvraage Door den Portonooosen Resident bij desselvs bestentove meers gon:geschil van brief van den 5. ' deeser onder toesending van de daar toe relative papieren bedeeld zijnde het arres„ teeren door den Engels gouverneur te Coedeloer M.:r Dawson vervolg Davison van de twee Ionger broeders van 'sComp=s Cooplieden te Portonovo Papoe Chittij en Rama„ linga Chittij in naame Boetje Chittij, in Cas van Reecquening weegens de gehad hebbende adminis„ tratie die Pena Naga Chittij, Ragoena Chittij en Sanga Ragoena Chittij oom, grootvader, en vader van voorsz: twee Comp=s Portonovose han„ delaars gehad hebben, van de aan hun toevertrouwt geweest zijnde wisselbanken te coedeloer, Por„ tonovo, en Tranquebaare; ongeagt die zaak of de reecquening dien aangaande volgens een over en weeder gepasseerde en verleende acquiet, tussen de voorsz: twee Portonovose handelaars en den oudste broeder van gedagte Adiappa Chittij en hoofd van de famielie Soengoesesa sela Chittij met de betaaling van het per slot der Reecque„ ning debet gebleevene montant van 600. pagoo„ den ten vollen afgemaakt en geliquideerd zijnde, daarmeede alle de Reecqueningen en obligatien, welke inhanden van eevengemelde Poengoesesa„ selam Chittij soo wel, als in desselvs wisselban„ den 9:' Meij 172. ken.
English
297. 9 May 1772. in Madraspatnam, Arcadoe, Pondicherij, Coedeloer, Portonovo, Tranquebaare, Nagapatnam, Combogonam, Tritjenepalij and other places in the name of the uncle, grandfather, and father of the two Portonovo merchants, as well as all the accounts and writings charged to, or in the name of Soengoese saselam Chittij, resting among the aforementioned two merchants, were annulled and canceled; without said English governor, upon all the representations made concerning this, especially considering that this matter had also been under consideration during the administration of Mr. Turner in the year 1763, and had already been determined by him after an investigation had been conducted, nor the offer of him, the Resident, as guarantor for the arrested persons among their brothers, the merchants frequently mentioned herein, having wished to heed or to have allowed himself to be moved to release those detainees and to have the matter investigated and settled according to the rule by reputable men to be chosen by both parties themselves; but, on the contrary, making the detention more severe, having demanded the decision from his own chosen arbitrators, after the parties had to commit themselves in writing to a fine of 500 pagodas for whichever party failed to submit to the verdict of the same; more fully mentioned in the Resident's aforementioned letter, thereby also presenting the urgent plea of the said merchants that regarding this unjust conduct, since they cannot dare to hope for any equitable decision because the servant of the said English governor, having a hand in the matter, attempts by force to push it through to the advantage of their opposing party Adiappa Chittij, a complaint may be made to the English ministry in Madraspatnam, so that their aforementioned two brothers who, being merely youths, had no knowledge of the claim, nor were in a position to refute it, and furthermore also the injustice of the occasion, in that they, along with others, had retired to Coedeloer because of the Maratha revolts, had been arrested. 299. 9 May 1772. Having deliberated upon this, on account of the connection that one has with the merchants trading with the Company, and it being judged an obligation to stand by them insofar as it agreed with equity, it was approved and resolved to grant the request made by those merchants, and accordingly, by a letter to be dispatched, briefly to inform the aforementioned English ministry at Madraspatnam of the course of events regarding that formulated claim and the proceedings arising therefrom, with the request that this may be remedied, by referring the case for further investigation and decision to the Justice here, or else to the Court of Justice in Madraspatnam, or that Mr. Dawson may be ordered to have the same investigated and concluded by neutral reputable men to be chosen by the parties themselves, and that the detainees may be released on bail; as well as to declare to the aforementioned Resident, in answer to his letter, that one would have preferred that he had not involved himself so far in the correspondence on this matter with the aforementioned English governor, as had been done by him, on his own private account, without the prior knowledge and consent of this Government, while declaring that if he had given notice of this at the very first or before the matter had gone so far, it might well have been possible to resolve it more easily by writing directly about it to the aforementioned governor of Coedeloer, without causing the disturbance that one is now forced to make, and without inconveniencing both this Government and the aforementioned English ministry over a private affair. Thus done and resolved in the city of Nagapatnam, date as above. Signed: R. van Vlissingen, H. Leembruggen, I. E. G. Haselman, M. Koning, H. A. Johnson, Corn.s Pietersz., Jan Aspengh, I.b van Tessel, W.m Duynevelt, and Jan De Simons. 9 May 1772. 301. Wednesday, 17 June 1772, at eight o'clock in the morning. Council of Policy. Absent: The merchant and fiscal Marthinus Koning, and The junior merchant and second warehouse master Joan Daniel Simons, The former on account of indisposition, and the latter on account of occupation in the Company's service. The skipper and chief surgeon of the ship Zeekerlust, George Jacob Meijer and Nicolaas Maas, having submitted requests to be provided with three months of rations and the necessary medicines for the voyage from here to Batavia, as well as with some equipment goods and other small items, likewise repair of the unserviceable goods, etc., since of the seven months for which they had been provisioned in Bengal, five had already elapsed; more fully mentioned in the aforementioned petitions, reading as follows. To
Dutch transcription
297. den 9' Meij 1772. ken, te Madraspatnam, Arcadoe, Pondicherij, Coedeloer, Portonovo Tranquebaare, Nagapat„ nam, Combogonam, Tritjenepalij en andere plaatsen op de naam van de oom, grootvader en vader van de twee Portonovose handelaars ter inden„ gelijk ook alle de Reecqueningen en geschriften ten Laste, of op de naam van Soengoese saselam Chittij, onder de meergewaagde twee Cooplieden be„ rustende vernietigd en geroijeerd waaren; sonder dat gedagte Engelsche gouverneur, op alle de dien„ aangaande gedaane demonstratien, insonderheijd en volg dat deese zaak onder de Regeering van M=r Tur„ ner in den Iaare 1763. ook op het tapijt geweest zijnde, door denselven naar gedaan ondersoek reeds gedetermineerd was geworden nog de aan„ bieding van hem Resident als borge voor de g'ar„ resteerde persoonen onder selver broeders de Coop„ lieden in deese meermaals genoemd, had willen reguardeeren off zig hadde willen Laaten bewee„ gen om die arrestanten te ontslaan en de zaak door de weedersijdse parthij en selve te verkiesene goede vervolg goede mannen na den reegel te laaten ondersoeken en afmaaken maar inteegendeel het arrest strenger makende, de decisie aan eijge verkore arbiters ge„ demandeerd hadde, na dat parthijen bij geschrifte tot een boete van 500. pagooden sig hadden moeten ver„ binden, voor die geene die aan de uijtspraak derselve niet quam te onderwerpen; breeder vermeld bij des Resident voormelde brief, daar bij teffens voordraa„ gende de instantie van gedagte Cooplieden dat over die onregtvaardige gedoente, alzoo zij op geen billijke deci„ sie durzen hoopen, om de wille den dienaar van gedagte Engels Gouverneur de hand in de zaak hebbende, de„ selve parforce ten voordeele van hun parthij Adiappa Chittij tragt door te dringen, naar Madraspatnam aan het Engels ministerium aldaar gedoleerd mag werden, ten eijnde hunne voorm: twee broeders die maar Iongelingen zijnde, geen kennisse van de pre„ tentie hadden, nog in staat waren, deselve te weeder„ leggen, en voorts ook onregtvaardigheijd ter geleegendheijd, dat zij neevens andere, om de wille van de marattijse Revoltes zig naar Coedeloer geretireerd hadden, gear„ den 9:' Meij 1772. resteerd 299 den 9:' Meij 1772. dent op zyn brief dierweegens te antwoorden. resteerd waaren geworden: Soo is daar over gedelibe„ reerd zijnde uijt hoorde van de betrecking die men tot de Cooplieden, met de Compagnie handelende heeft, en verpligt g'oordeeld is, voor soo verre met de billijk„ heijd over eenquam, voortestaan, goedgevonden en ver„ staan de gedaane Jnstantie dier Cooplieden in tewilli„ gen, en dien volgens bij een aftesendene brief het voorm: Engels ministerium te Madraspatnam den toe„ dragt van die geformeerde pretentie, en de daar uijt voortgevloeijde procedures beknopt te bedeelen, met versoek dat daar in voorsien mag werden, met die zaak ter nader ondersoek en decisie aan de Justitie alhier, dan wel aan het Court der Iustitie te Madraspatnam gerenvoijeerd of ook wel M=r Daw„ son geordonneerd mag werden, deselve door parthijen zelve te verkiesen neutrale goede mannen te laaten ondersoeken, en ten eijnde brengen, mitsgaders de ge„ arresteerdens op borgtogt ontslaagen moogen werden; mitsgaders den Resident voormeld, in andwoord en wat aan den pootonovosen resi„ van zijn brief te betuijgen, dat men liefst gesien soude hebben, dat hij zig zoo verre in de Corresponden„ tie vervolg tie over die zaak met voorm: Engels Gouverneur niet ingelaaten hadde, gelijk door hem, ofp eijge prive, buij„ ten voorkennisse en toestemming deeser Regeering gedaan was, onder betuijging dat indien hij ten eersten of eer de zaak soo verre gekoomen was dit heen kennis„ se gegeeven hadde, als dan wel moogelijkheijd ge„ weest soude zyn deselve met daar over direct aange„ dagte Coedeloers gouverneur te schrijven, met meerder faciliteijt uijt de weereld de helpen sonder daar over die beveeging te maaken, die men genoodsaakt is nu te doen, en over een particuliere affaire deeser Begeering soo wel, als het voorm: Engels ministerium te incomodeeren. — Aldus Gedaan en Gepasseerd in de stad Tot Nagapatnam dato voorsz: /:was geteekend:/ R=r van vlissingen, H:s Leembruggen, I: E: G: Haselman, M. s Koning, H: A: Johnson, Corn.s Pietersz:, J„n Aspengh, I:b van Tessel, W:m Duynevelt, en J„n De Simons. — den 9. ' Meij 1772. Woensdag 301. Woensdag Den 17:' Iunij A„o 1772 en oppermeester van't schip zeekerlust 's morgens ten agt uuren Vergadering van Politie Demplis Den koopman en fikcaal Marthinus Koning, en Den ondercoopman en Tweede pakhuysmeester Joan Daniel Simons Den Eersten mits in dispositie, en den anderen mits occupatie in 'sComp=s dienst. Door den schipper en oppermeester van het schip versogte benodigth:d doorden schipper Leekertust George Jacob Meijer en Nicolaas Maas bij Requesten versoek gedaan sijnde, om met drie maanden Randcoenen, en de noodige medicamen„ ten voor de Reijse van hier naar Batavia voorsien te moogen werden, als meede met eenige Equipagie goede„ ren en andere kleenigheeden, Jtem reparatie van het onbequaam goed &=a alsoo van de seeven maanden waar voor in Bengale gepronandeerd reeds vijff verstreeken waren; breeder vermeld bij voormelde ver„ intertie van haar request deers soek schriften; aldus Luijdende. — Aan
English
the 17th of June 1772. The skipper on the ship Zeekerlust lying here in the roads, the Right Honorable Most Submissive Servant George Jacob Meijer, very humbly requests that the following may be provided for the benefit of his aforementioned vessel; namely: 1 hawser of 9 pairs 1 ditto of 7 ditto 1 ditto of 5½ ditto 1 ditto of 5 ditto 1 ditto of 4½ ditto 1 pair of stays of 21 threads 2 lines of 12 inches 2 ditto of 9 ditto 2 ditto of 6 ditto Rattans for scrubbers 1 jib-boom 33 feet long and 10 inches thick 2 barrels of pitch 2 ditto of rosin 10 lb of Dutch sail-twine Further, to have the empty water casks, 2 goosenecks, and some small items repaired. Three months of provisions for the voyage to Batavia, since having been provisioned in Bengal for 7 months, 5 months have already passed; and advance wages for the crew, as well as having the ship caulked inside and out, along with one last of rice for the caulkers. Which doing. To the Right Honorable Reijnier van Vlissingen, Governor and Director of this Coast of Coromandel with the Dependencies thereof, etc., etc. 303. the 17th of June 1772. To the Right Honorable Reijnier van Vlissingen, Governor of the Coast of Coromandel, etc., etc., along with the Honorable Council. Herewith, with all due respect, it is requested that he may be provided, for the benefit of the Honorable Company's ship Zeekerlust, with the following medicines, since he received no supply in Bengal: Emplastrum mercuriale . . . 1 lb Diapalma . . . 2 lb Defensivum . . . 1 lb Digestivum . . . 2 lb Unguentum album camphoratum . . . 2 lb Alumen . . . 4 lb Cremor tartari . . . 13 lb Gummi myrrhae . . . 13 lb Radix jalappae . . . 13 lb Radix rhei . . . 1 lb Radix ipecacuanhae . . . 13 lb Cortex peruvianus . . . 2 lb Mel commune . . . 2 lb Spiritus nitri dulcis . . . 4 ounces Mercurius vivus . . . 2 ounces One piece of Guinea cloth for bandages. Which doing, etc. Was signed: N. Maas, chief surgeon. the 17th of June 1772. It was resolved to allow all that was requested to be provided, in so far as one is stocked with it. Further, deciding upon the incoming findings concerning the cargo brought from Bengal and delivered at the factories of Bimilipatnam and Jaggernaikpoeram, as well as here, by the aforementioned vessel Zeekerlust: it was resolved to write off to profit and loss 125 lb or 1/8 percent of the 2582 lb of Japanese bar copper unaccounted for out of a quantity of 100000 lb, and to charge the remaining 2457 lb, amounting to 2 7/16 percent, to the account of the officers upon purchase, as well as 54 lb of Dutch iron delivered short out of a quantity of 20010 lb, over and above the allowance of 1½ percent or 299 lb; and furthermore, for their exoneration, to leave the officers the liberty to address Themselves regarding this matter to Their High Mightinesses and to present their submitted interests to the same, concerning the poor condition of the copper chests in which they already were when they were transferred in the Ganges from the ulaks or small vessels, 305. the 17th of June 1772. according to a statement drawn up by the officers in the roads of Culpee and sent to Hooghly, a copy of which having been submitted by the Governor, it was approved to insert below, and at the same time to note that the poor condition of those chests was further confirmed by the findings of the delivered quantity of that mineral at Bimilipatnam, because many chests were broken and some were even in such a condition that the copper had to be shipped from on board partly in sacks, and moreover almost all the bars were so covered with sand and mud that they first had to be cleaned of it; the aforementioned statement reading as follows. Declaration. We, the undersigned senior and junior officers, all stationed on the Honorable Company's ship Zeekerlust, commanded by skipper George Jacob Meijer, declare at the request of the aforementioned skipper that on the 27th of December 1771 we received from an ulak 167 chests of Japanese copper, which had taken them over from the ulak that had sunk near Buj-buj with 200 chests of Japanese copper sent from Chinsurah to this vessel; we found all the aforementioned 167 chests to be broken to pieces from transport, from which the copper bars fell out, and the greater part to be open so that one could have taken out handfuls, as well as some that seemed half full; furthermore, all the gunny sacks were wet, through which the copper bars had poked, the seals broken off the sacks, and we also found some pieces in the ulak. Giving further reasons of knowledge, we offer to confirm the same with a solemn oath if requested. Done on the Honorable Company's ship Zeekerlust, anchored in the roads of Culpee in the River of Bengal, the 27th of December 1771. Was signed: Chief Mate C. Borcher, Second Mate Jan Veezelman, Third Mate Matthijs Janse, Boatswain Jan Alders, Gunner Jan Nicolaas Schoor. According to the received report of the ordinary commissioners in the trade warehouses here, it appearing that out of the packs discharged here on shore to the quantity of 715 linen bales, 11 of the same were found wet, from which 154 pieces had to be sent to the wash; it was resolved that when the aforementioned linens given to the washers are brought back, the pieces thereof that, whether through suffocating or
Dutch transcription
den 17 ' Junij 1772. Den schipper op het alhier ter rheede Leggende schip Leeker„ lust, wel Edele gestr: seer onderdanigen dienaar George Jacob Meijer versoekt seer ootmoedig dat ten behoeve zijner voorm: boodem het onder volgende mag werden verstrekt; Teweeten 1. Tross van 9. paar 1. d:o „ 7 _. o 1. d. o „ 5½ _. o 1. d. o „ 5. —. _. o 1. d. o „ 4½. _. o 1. paar Kisser van 21. draad 2. Leijnen van 12. duym 2. _o „ 9. _. o Rottings tot schrobbers 1. Cluijfhout van 33. voeten Lang en 10. d=m dik 2. vaaten pick 2. _. o harpuijs 10. lb: Zeijlgaaren hollands Voorts de Leedige waater vaaten, 2. swaane halsen, en eenige kleenigheeden te laaten Repareeren. Drie maanden Randcoen voor de Reijse na batavia. dewijl Wel Edele Gestrenge Heer Aan den wel Edelen Gestr: Heer Reijnier van Vlissingen Gouverneur en directeur deeser Custe Cormandel met den Resorte van dien &a &a op 2. _o „ 6. _. o 303. den 17. ' Junij 1772. op bengale voor 7. maanden geproviandeerd weesende reeds 5. maanden verstreecken zijn; en goede maanden voor het volk, mitsg=s het schip binnen en buyten te laaten Calfaaten; als mee„ de een Last Reyst voor de calfaaters /:onderstond:/ 'T welk doende Aan den wel Edelen Gestr: Heer Reijnier van vlissingen Gouverneur der custe Cormandel, N=a &:a v=a beneevens den agtbaaren Raaden Werden met deese in alle verschuldigde Eerbied versogt dat hem ten behoeve van 't E: Compagnies schip zeekerlust, deese navolgende medicamenten mooge verstrekt worden vermits denselve op Bengale geen verstrecking genooten heeft als Emplas R: C: mercur. . . lb: 1: Diapalan - - - - „ 2. Dit venser - - - - „ 1. Degistir - - - - „ 2. ring alb: Camphor - . . - „ 2. Aitrum - - . . „ 4. Crist Tartar - - - „ 13 gum mirrh:. . . . . 13. Rad Jalaph - - - „ 13. — Rhees. . . . „ 1. — 7picacuan. . . „ 13. Corst peruvian. - . - „ 2. mel Commun. . . . „ 2. Sperit Netri: dulc. . . . Zirij Een stuk guinees voor verband /:onderstond:/ 'T welk doende N:o &. o /:was geteekend:/ N. s Maas oppermeester. merc: vir - - - - - zij Soo &a den 17e. Junij 1772. condekendance daarin bevinding der uyjtgeleeverde lading vant schip zeekertus noot 't lyppen aan haar hoog Ed. s te addrekleren. Soo is verstaan alle het versogte voor soo verre men daar van voorsien is te laaten verstrecken Resumpie van endsastie oae Voorts over de ingekoomene bevinding van de op de Comptoiren Bimilipatnam en Iaggernaijkpoe„ ram soo wel, als alhier uijtgeleeverde laading per voormelde bodem zeeker lust uyt Bengale meede meede gevoerd, disponeerende is verstaan van het te kort verandwoorde 2582. lb: staafkooper Iapans op een quantiteijt van 100000. lb: , 125. lb: of 1/8. ten honderd aftelaaten schrijven op winst en verlies, en het overige of 2457. lb: uijtmaakende 2 7/16. p=r Cento de overheeden uijtkoops op reecquening te doen stellen, als meede 54. lb: ijser hollands, dewel„ ke op een quantiteijt van 20010. lb: booven de vali„ datie van 1½. percento of 299. lb: temin uijtgelee„ geleeten ijke ande at m rij verd zijn, en wijders ter onthetting derselve de overheeden de vrijheijd te laaten, sig dierweegens aan Haar Hoog Edelens te addresseeren en haar ingebragte belangens hoogst deselve te ver„ toonen, nopens de slegte Constitutie der kooper kist„ jes, waar in deselve reeds geweest zyn, toen in de ganges uyt de oelaks of kleene vaartuijgen over„ genoomen 201 305. den 17e. Junij 1772. genoomen waaren, volgens een door de overheeden ter rlee„ de voltha, belegde, en naar Houglij gesondene ver„ klaring, waar van het afschrift door den heer Gouver„ neur overgelegd zijnde, goedgevonden wierd, hier on„ der te insereeren, en teffens te noteeren dat de slegte gesteldheijd dier kieltjes naader bevastigd wierd, bij de bevinding van de uytgeleeverde quantiteijt van dat mineraal te Bimilipatnam, dewijl veele kis„ ten ontremponeerd, en selvs sommige sodanig ge„ steld geweest waaren, dat het kooper ten deele in sacken van boord heeft moeten afgescheept werden, boven dien meest alle de staaren indier voegen met sand en modder geweest waaren, dat eerst daarvan hebben moeten gesuijverd werden; Luijdende voor, jnstate van enverloring dervr melde verklaaring als volgd. Verklaaring Wij ondergesz: opper en onder officieren alle bescheijden op sComp. s schip Leekerlust gevoerd werdende door den schipper George Jacob Meijer verklaaren ter requisitie van gem: schipper dat wij op den 27.:' December 1771. uijt een oelak ontvangen hebben 167. kisten Iapans kooper, die het zelve overgenoomen had uyt de oelak welke bij Boezi gesonken was met 200. kistjes Japans kooper van Cin„ Zera 20 den 17 ' Junij 1772. de heet geworden lyjvoaten de overh: op reecq: te belasten. zera na deesen boodem waaren afgesonden, bevonden heb„ ben alle de gemelde 167. kistjes getranponeerd aan stucken te zijn, waar de Htaavies kooper uijtvielen en't grootste gedeelte open te zijn waar men hadde vol kan uytneemen beneevens eenige welke scheenen half vol te zijn, dezerdere alle de gonje zacken nat waar de stavies kooper doorsta„ ken de zeegels van de zacken af, als meede eenige stucken. in de oelak hebbe gevonden. —. Geeven verdere reede van weetenschap presenteeren 't zelve daartoe versogt zynde met solemneele Eede te bevestigen Actum in't Comp=s schip Seekerlust geankerd ter Reede van volta in de Revier van Bengalen den 27.:' December 1771. /:was geteekend: / opperstuurman C: Borcher, onder„ stuurman Ian Veezelman, Derdenaak Matthijs Janse, Boosman Ian Alders, Constabel Ian Nicolaas Schoor.— besluyt het wesk nblecken an volgens het ingekomen berigt der ordinaire gecom„ mitteerdens in de negotie pakhuijsen alhier te blijken koomende, dat uit de alhier aan de wal geligte packen ter quantiteijt van 715. Lijwaat fardeelen, 11. ditos nat bevonden zijnde, daar uijt 154. stucken na de wasch hebben moeten gesonden werden: soo is verstaan voorsz: aan de wasschers afgegeevene Lijwaaten weeder terug gebragt werdende, de stucken die daar van, het zij door versticking of -
English
307: the 17th of June 1772. or any other damage caused by that wetting, cannot be repacked, to sell at public auction and to charge the authorities' account for the yield less than 42 1/2 percent on the purchase cost, in addition to the washing and bleaching wages, since it had been their duty to ensure that there had been no leakage, which could well have been prevented if the deck of the ship had been properly caulked and provided for, either at Bimilipatnam or Jaggernaijkpoeram; and thus taking into no consideration the statement submitted by the authorities, granted by the ship's officers at the requisition of the master, that owing to the continuous illness of the ship's carpenter during the entire voyage since departing from Batavia, he had been unable to perform any service, so that this wetting was caused without their fault and neglect, contrary to all the care taken and precautions used by them by covering the hatches with tarpaulins and the 17th of June 1772. Insertion of a report from the commissioners and a statement concerning it and constantly swabbing the deck; nevertheless, owing to the continuous rain they had between Jaggernaijkpoeram and here, the water penetrated into the hold through the waterways that had opened up on the starboard side and beside the mainmast due to the heavy rolling of the ship, appearing further from the aforesaid statement which it was thought fit to insert herein, as well as the report of the commissioners; reading as follows: We the undersigned, petty and senior officers, all stationed on the Company's ship Zeekerlust, commanded by the master George Jacob Meijer, declare, each in his own capacity, at the requisition of the above-mentioned master, that the packages which became wet inside the said vessel and were brought ashore, were situated against the ship's side on the starboard side, alongside the mainmast and somewhat aft; it is caused by the rolling and working of the ship, whereby the waterways became opened, because of the heavy rains we had on that voyage from Jaggernaijkpoeram, through which the wetness ran and caused leakage, owing to the continuous illness, impotence, and bodily weakness of the head carpenter, (which continued from the departure from Batavia and during the voyage) and he was not in a state to be able to perform his duty and to be able to caulk the ship, until the time that he was somewhat in a state to be able to perform service, we immediately had it caulked, as appears in 309. the 17th of June 1772. in the daily journal that the waterways and scuppers and the deck were caulked; during that time we carefully watched, with the rain, that the hatches were covered with tarpaulins and constantly swabbed, as well as placed swabs where it was presumed some water could run, and thus used all diligence to prevent any leakage in the hold, this above-written being the pure truth, giving further reason of knowledge. Done on the Company's ship Zeekerlust, the 10th of June 1772. (was signed) C. Borscher, Ian Veezelman, Mattias Jans, Hendrik Cnuijse, and Hendrik Braasen. To the Honorable Henricus Leembruggen, Senior Merchant and Chief Administrator, here. Honorable Sir! In compliance with Your Honor's esteemed order, we the undersigned have opened the following 11 linen packages, which were found wet among the 715 packages discharged from the ship Zeekerlust, and found as follows hereafter; namely: 715 packages of diverse linens in total received from that vessel, of which 150 packages from Jaggernaijkpoeram, and these being stored separately 26 rejections from Bimilipatnam (yet among which were found wet 2 packages of bleached Guineas from Jaggernaijkpoeram for the Fatherland 176 - 2 packages brought forward and 176 - 2 packages carried forward and 2nd sort; as 1 package fine No. 337; wherein 39 pieces dry and in good condition 1 piece wet and with stains 1 ditto ordinary No. 97; wherein 33 pieces dry, and 539 packages further received from the aforesaid vessel, which were also laid aside; among which 9 packages found wet; among those 2 packages of fine bleached Guineas 2nd sort from Bimilipatnam for Batavia No. 38 and 1; wherein 36 pieces dry and 44 pieces wet and with stains 5 ditto ordinary bleached Guineas 3rd sort also from Bimilipatnam for Batavia No. 32, 48, 139, 31, and 127; wherein 126 pieces dry and 74 wet pieces 2 ditto from Palicol for Ternate; of which 1 package of ordinary bleached Guineas 3rd sort No. 298; wherein 27 pieces dry and in good condition and 13 pieces wet 1 package of bleached Dongrys with red headings 2nd sort No. 167; wherein 145 pieces dry and in good condition and 15 wet and stained. 11 packages together which remain unpacked in the Company's warehouses, of which the wet ones, consisting of 154 pieces have been delivered to the washers of the Company's merchants, and 406 dry and in good condition stored in the Company's warehouses 560 pieces in total 7 wet Wherewith we remain with deep respect (underneath stood) Honorable Sir; Your Honor's humble and obedient servants (was signed) J. Campie and A. J. van Vrijene (in the margin) Nagapatam the 13th of June 1772. the 17th of June 1772. Further
Dutch transcription
307: den 17:' Junij 172. of eenig ander Letsel door die nat wording gecauseerd, niet weeder kunnen werden g'embeleerd, per ven„ dutie te verkoopen en het minder Rendement dan 42. ½. percento op het Jnkoops kostende, neevens het wasch en bleekloon de overheeden op Reecquening te doen belasten, dewijl het haar pligt geweest was, en waarom om te sorgen dat 'er geen Leckagie was geweest, het geen wel had kunnen geschieden indien het dek van het schip het zij op Bimilipatnam ot Iaggernaijkpoeram naar behooren gecalfaat, en voorsien was geworden, en dus in geen remarque wierd genoomen, der overheeden overgelegde ver„ klaaring door de scheeps officieren ter Requisitie van den schipper verleend, dat mits de Continueele siekte van den scheeps Timmerman geduurende de gantsche Reijse dat van Batavia vertrocken was, denselven geen dienst hadde kunnen doen, oversulx die natwording buijten haar toedtoen, en versuijm veroorsaakt was teegens alle door haar gedraagene sorge en gebruijkte precautien door het overdecken van de Luijken met presennings en. den 17. ' Junij 1772. Jnsertie van een berigt van de gecomm=s en een verklaaring dien aang aande en gestaadig swabberen van het dek, dog egter het „waater mits de Continueete Reegen die zij tussen Jaggernaijkpoeram en hier gehad hadden, door de Lijfnaden die door het sterk slingeren van het schip opengeraakt waaren aanstuurboord sijde, en besijden de groote meest in het ruijm doorgedrongen was, naderblykende bij voorsz: verklaaring dewelke men goed vond in deesen te insireeren, als meede het berigt der gecommitteerdens; aldus Luydende Wij ondergesz: opper en onder officieren alle bescheijden op 't Comp:s schip zeekerlust, gevoerd door den schipper George Ja„ cob Meijer, verklaare ieder in't zijne, ter Requisitie van boo„ ven gem: schipper dat de packen welke binnen gem: bodem nat zyn geworden, en aan Land gebragt, geleege hebbe teegens boord„ aan stuurboord zijde, opsijde van de groote mast, en wat agter„ lyker, Js veroorsaakt door 't slingeren en werken van't schip„ waar door de lijfnaalden open zijn geraakt, vermits de sterke Reegens die wij op die reijse van Iaggernaijkp=m gehad hebbe, de nattigheijd daar door geloope en Leckagie heeft veroorsaakt, door de geduurende siekten, Jnpotentheijd en swakheijd des lighaams gestel van den oppertimmerman, /:dat welke met het vertrek van Batavia of en geduurende de reijse gecon„ tinueerd heeft :/ en niet in staat is geweest zijn dienst te konne verrigten en 't schip te konne Calvaaten, tot de tijd dat hij eenigsints in staat is geweest van dienst te konne doen, hebbe terstond laaten Calvaaten, gelijk als is blykende, Jn 309. den 17e. Junij 172. Jn 't dag Journaal dat de lijfnaade en waater gange, en't dek zijn gecatvatert, geduurende die teijd hebbe zorgvuldig, met de reegen, opgepast, dat de Luyke met presenninge, overdekt waare en gestaedig geswabbert, als meede swab„ bers, gelegd daar men presumeerde, eenige water na toe konde Loope, en alsoo alle sorgvuldigheijd gebruijkt, om ee„ nige leckagie in't ruijm voortekoome zynde, dit booven„ staande de zuijvere waarheijd, geevende verdere Reede van weetenschap. —. Actum In't Comp=s schip Zeekertust den 10 ' Juny 1772. /:was geteekend:/ C=n Borscher, Ian veezelman, Mat„ tias Ians, Hendrik Cnuijse, en Hendrik Braasen. Aan den E: E. Heer Henricus Leembruggen oppercoopman en hoofd-admi„ nistrateur, alhier E: L: Heer! In naar Kooming van uE: E: g'eerde ordre hebben wij onder„ gesz: de volgende 11. Lijwaat packen welke onder de van't schip zeekerlust geligte 715. packen nat bevonden zijn geopend en bevonden zodanig alhs hier ondervolgd; teweeten. 715. p=ls Diverse Lywaaten in't geheel uyt dien bodem, ontvangen, daarvan 150. — p=ls van Iaggernaijkpoeram en zynde deselve appart geborgen 26. - „ uytschotten van Bimilipatnam (dog daar onder nat bevonden 2. –. p=s Guinees gebl: van Taggermayk p=m bij voort patria 176. . 2. - p=s Die Transporteere en 176. —„ 2. – p:s Pier Transport en 2:' zoort; als 1. –. pak fijn N:o 337.; waarin 39. -. stx droog en wel„ 1. -. „ Nat en met vlecken 1. -. d. o gemeen N. o 97. daarin 33. –. stx droog, en 539. —. p=s Nader ontvangen uijt voormelde boodem welke meede appart gelegd zijn; waar onder 9. -. p=s sat bevonden; onder die 2. –. p=s Guinees fijn gebl: 2: zoort van Bimilip=m Voor batavia N:o 38. en 1. daarin 36. –. stux droog en 44. -. „ nat en met vlecken 5. -. d. o Guinees gem: gebl: 3:' Z:t meede van bimilip=m voor batavia N:o 32, 48. 139, 31, en 127. waar in 126. –. stxx droog en 74. -. „ Hatte stucken 2. -. d. o van Palicol voor Ternaaten; waarvan 1. –. p=s Guinees gem: gebl: 3. Z.t N:o 298. daarin 27. stux droog en wel en 13. „ stux nat 1. -. p=s Dongrijsen gebl: met roode hoofden 2: Z=t N:o 167. waarin 145. stux droog en wel en 15. „ nat en gevlekt. 11. –. p:s te saamen die ongepakt in 'sComp=s pakhuijsen blijven leg„ gen, waar van de notte bestaande in 154. - stux aan de wassers van 'sComp=s cooplieden zyn afgegeeven en 406. -. „ droog en wel in scomp=s pakhuijsen geborgen 560. —. stuck in't geheel 7. -. „ Nat Waarmeede met diep Respect verblijven /:onderstond:/ E: E: Heer; uE: E: onderdanige en Gehoorsaame Dienaaren /:was geteekend:/ I=s Campie en A:s J:s v„n van vrijene /:in margine:/. vaga„ patam den 13. ' Junij 1772. —. den 17:' Junij 1772. Nog
English
311. 17 June 1772. There was also resumed the Report of the Fiscal of this main station and appointed judicial members who, assisted by the Master of Equipage here, Jacob Hartman, inspected and examined the journal kept on the aforementioned vessel Leekerlust on the voyage from the Ganges to this place, in order to learn the cause of its long duration, reading as follows, together with the account delivered on that account by the skipper Jacob George Meijer; namely: To the Right Honorable, Highly Esteemed Sir, Reijnier van Vlissingen, Governor and Director of this Coast of Cormandel with its Dependencies; Along with the Council. Right Honorable, Highly Esteemed Sir, and Gentlemen, Pursuant to the highly respected order of Your Right Honorable, the undersigned appointed members from the Honorable and Worshipful Council of Justice of this Castle, assisted by the chief mate and Master of Equipage here, Jacob Hartman, in the presence of the Merchant and Fiscal of this main station, Marthinus Koning, examined the journal of the skipper George Jacob Meijer, commanding commanding the ship Leekerlust, in order to investigate what caused the lengthy voyage of that vessel from the Ganges to Bimilipatnam, from there to Jaggernaijkpm and from the last-mentioned trading post to this place, and found that this, both when the pilot in the Ganges was still on board, as well as afterwards, and continuously up to this point, must be imputed solely to calms, contrary winds and currents, and that nothing else could be observed in the journal and dead reckoning than that the skipper observed and complied with everything that can be undertaken by a capable and alert seaman for the furtherance and advancement of his voyage, so that he cannot be accused of having failed in his duty. Wherewith we, hoping to have complied with Your Right Honorable order, declare ourselves with all submissiveness: Right Honorable, Highly Esteemed Sir, and Gentlemen, Your Right Honorable's humble servants, signed: H: A: Johnson, and In Wm Bloeme. In the margin: Nagapatnam, 17 June 1772. Lower down: Signed in my presence: Ms Koning. To the Right Honorable, Highly Esteemed Sir Reijnier van Vlissingen Governor and Director of this Coast of Cormandel with its Dependencies, etc. Right Honorable, Highly Esteemed Sir, In dutiful compliance with the highly respected order given to Your Right Honorable, directing me to provide a full elucidation and satisfactorily account for my long voyage from the Ganges to Bimilippm, from there to Jaggernaijkpoeram and from the last-mentioned 17 June 1772. trading post 313. 17 June 1772. trading post to this place, as well as the obstacles that presented themselves in that regard, I have the honor to bring to Your Right Honorable's attention with all submission that having discharged the pilot on 23 January of this year, I arrived in the roads of Bimlipatnam on 12 February following, having thus spent 20 days on the voyage from the Ganges to that place, which is to be attributed to nothing other than the continuous calms and southerly winds that I had on that voyage, and to which, as well as to the counter-current, it must also be attributed that upon discovering land on 1 February it was found to be 36 miles further east than had been dead-reckoned since the last bearing of the Flat Point, just as Your Right Honorable is requested to observe this more closely and in greater detail in my journal, which I have the honor to present herewith to Your Honor. And concerning now the voyage from there to Jaggernaijkpm, which lasted from 25 February to 27 March, I can provide no other reasons for that than the continuous head winds and strong currents to the north-east, against which, owing to the calms that occurred at the same time, one often could not make headway by sailing and was obliged to come to anchor continuously, against which no seamanship whatsoever, but only patience, could be employed. And which is also the cause that on 13 March, having sighted the land between Walteer and Visagapatnam, it was found to be 27 miles further east than had been dead-reckoned, which is not at all surprising during a heavy current rip and calm, since the dead reckonings under such circumstances can very easily be mistaken. With With relation now to the voyage from that trading post to this main station from 8 April to 22 May past, I likewise can give no other reasons than the contrary winds, as is customary at this time of the year and thus nothing new, as is also properly set forth in detail in my journal, where it can likewise be found that on 12 May, a bearing having been taken of Fort St. David and Portonovo, it was observed to be 17 ¼ miles further east than had been dead-reckoned according to the last bearing of Jaggernaijkpr, to which I respectfully refer, in the hope that these reasons for my long and troublesome voyage will be found satisfactory, and will convince Your Right Honorable that this is not to be imputed to any neglect or incompetence. While for the rest I have the honor to subscribe myself with high regard: Right Honorable, Highly Esteemed Sir, Your Right Honorable's very obedient and humble servant, signed: George Jacob Meijer. In the margin: Nagapatnam, 4 June 1772. And whereas this unfortunate voyage was specifically attributed to the continuous calms, contrary winds, and adverse currents experienced, which were encountered both while still in the Ganges and afterwards up to this place, and the officers were thus exonerated from neglect of duty or inattention, since in the aforementioned journal 17 June 1772.
Dutch transcription
311. den 17:' Junij 1772. tatie van't Joirnaal van dat schip Nog wierd geresumeerd het Rapport van den fiscaal selump he ven't westert weege devisi„ deeser hoofdplaatse en gecommitteerde Iustitieele Leeden die geadsisteerd van den Equipagiemeester alhier Iacob Hartman het Journaal gehouden in voormelde bodem Leekerlust op de Reijse uyt de gangis naar herwaards gevisiteerd en g'examineerd hebben ten eijnde te ervaaren de oorsaak van de Langduurendheijd derselve, Luijdende het zelve neevens het berigt door den schipper Iacob Geor, jnsertie van't selve ge Meijer diendweegen overgegeeven; als Aan den wel Edelen Gestr: Heer! Reijnier van Vlissingen, Gouverneur en Directeur deeser Custe Cormandel met den Resorte van dien; Neevens den Raad. wel Edele Gestr: Heer, en Heeren! Ingevolge de hoog gerespecteerde ordre van uwelEd: Gestr:, hebbende ondergeteekende gecommitteerde Leeden uyt den E: agtb: Raad van Iustitie deeser Casteels geadsisteerd van den opperstuurman en Equipagiemeester alhier Iacob Hartman, ten overstaan van den Coopman en fiscaal deeser hoofdplaatse Marthinus Koning het Journaal van den schipper George Jacob Meijer Commandeerende Commandeerende het schip Leekerlust, ondersogt om nategean waar door de Langduurige reijse van dien bodem uijt de ganges na Bimilipatnam van daar na Iaggernaijk p:m en van Laast gem: Comptoir dit heen veroorsaakt is, en bevonden, dat zulx zoo wel toen den Loots in de ganges nog aan boord was, als naderland, en doorgaans tot hier toe, alleen van stilte, Contrarie van den en stroomen moet werden g'imputeerd, en in't Journaal en het bestek niet anders heeft kunnen worden ontwaard of den schipper heeft allet wat door een bequaam en wacker Zeeman tot voortsetting en bevordering zijner reijse in't werk kan werden gesteld, g'obser„ veerd en in agtgenoomen, zoo dat denselven niet kan werden ten Laste gelegd in zyn pligt te hebben gemanqueerd. — Waarmeede wij verhoopende aan uwelmelde gestr: ordre te hebben ons met alle onderdanigheijd noemen /:onderstond:/ wel Edele Gestrengen Heer, en Heeren; uwelEd: gestr: onderdanige Dienaaren /:was geteekend :/ H: A: Johnson, en In W:m Bloeme /:Jnmargine:/ Nagapatnam den 17:' Junij 1772. /:laager:/ Ten mijnen overstaan geteekend:/ M. s Koning. Aan den wel Edelen gestr: Heer Reijnier van Vlissingen Gouverneur en directeur deeser Custe Cormandel met den Besorte van dien &a wel Edele Gestrengen Heer! Omme schuldpligtig te voldoen, aan de hoog g'respecteerde. ordre aan uwel Edele gestr: dicteerende om een volleedig Elucidatie te suppediteeren en mij satisfactoor te verand woor„ den, weegens mijne Lange reijse uijt de ganges na bimilip=m van daar na Iaggernaijkpoeram en van laast gemelde den 17e: Junij 1772. Comptoir - 313. den 17. ' Junij 1772. Comptoir dit heen; mitsgaders de hinderpaalen die zig daaromtrend hebben opgedaan zoo hebbe ik de Eere uwelEd: gestr: met alle submissie onder het oog te brengen, dat ik den 23. ' Januarij deeses Jaars, den Loost verlaaten hebbenden den 12. ' febr: daar aan op de Rheede van Bimlipatnam g'ar„ rireerd, dus 20. daagen op de Reijse van de ganges na diez plaats toegebragt heb, het welk aan niets anders dan de Continueele stille en zuijdelijke winden, welke ik op die voyjagie gehad hebbe, toeteschrijven is, en waar aan zoo wel, werden als de teegenstroom ook g'attribueerd n ^ moet, dat men den 1:t febr: Land ontdeckende bevonden heeft 36. mijlen ooster„ lijker te zijn, dan men 't zeedert de Laaste pijling van de vlacke punt gegist hadde, zoo als uwel Ed: Gestr: versogt werd, zulx nader, en omstandiger bij mijn Iournaal, het welk ik de Eere hebbe hoogst denselven hierneevens te presenteeren; te beschouwen: En belangende nu de Reijse van daar na Jagger„ naijkp=m die 't zeedert den 25. ' febr: tot den 27. ' Maart geduurd heeft, daar van kan ik geen andere reedenen suppediteeren, dan de geduurige teegen winden en sterke stroomen om de noord oost, die men door de teffens voorgevallene steltens, veel tijds niet dood heeft kunnen zeijlen, en wel genoodsaakt geweest is, geduurig ten anker te koomen waar teegens geende minste Zeemanschap, dan gedued kan werden gebruijkt En het welk ook de oorsaak is, dat men den 13:' Maart het Land tusschen Walteren en visagapatnam in't gesigt gekree„ gen hebbende bevonden heeft 27: mijlen oostelijker te zijn dan men gehist hadde, het welk bij een swaare stroomka„ veling en stilte gantsch niet te verwonderen is, alsoo de gis„ fangen dier gelijke omstandigheeden seer ligt rits missen kon Met beslen 't aarby te laeten enste Met Relatie nu tot de Reijse van dent Comptoir na deese hoofdplaats 't zeeetert den 8:' april tot 22:' Meij p. o kan ik almeede geen andere reedenen dan de Contrarie winden geeven„ zoo als dat in deese tijd van het Jaar de gewoonte, en dus niets nieuws is, mitsgaders in zijn omsteende bij mijn Iouinaal almeede na behooren g'extendeerd staat, alwaar almeede te vinden is, dat den 12. ' Meij een peijling van't fort L„t Davids en portonovo geschiedt zijnde, ontwaard is 17. ¼. mijlen oosterlijk te weesen, dan men volgens de Laaste pijling van Jaggernaijk p=r gegest hadde, waar aan ik mij in Eerbied refereere, in hoope dat deese Reedenen, weegens mijn Langduu„ rige en suckelagtige Reijse satisfactair bevonden werden, en uwel Ed: gestr: overtuijgen zullen, dat zulx niet aan lang versuijm of onkundigheijd te importeeren is. — Terwijl mij voor 't overige de eere geeve met veel agting te onderschrijven /:onderstond:/ wel Edele Gestr: Heer; uwelEd: Gestrenge seer Gehoorsaamen en onderdanigen Dienaar /:was geteekend:/ George Iacob Meijer /:in margine Nagapatnam Den 4:' Junij 1772. — En dewijl die teegenspoedige Reijse speciaal toegesz: wierd aan de gehad hebbende Continueel steltens, Con„ trarie winden en teegen loopende stroomen, die soo wel nog in de ganges zijnde als daarna, tot hier toe ontmoet zijn en dus de overheeden van pligt versuijm of in attentie vrijgekend werden, dewijl in het Journaal den 17.' Junij 1772. voormeld
English
315. 17 June 1772. Requested postponement by the merchant De Joncheere to depart for Batavia until October, and the reasons why. aforementioned, and the logbook, nothing could be discovered other than that the officers have done what competent seamen, according to the circumstances in which they found themselves, could have done for the continuation and furtherance of the voyage: thus it is approved and understood to let the matter rest there, and to bring the same to the notice of Their High Nobilities, submitting copies of the aforementioned papers. Whereas the Merchant and former Second of Palliacatta, Nicolaas de Joncheere, having recently arrived here from there in order to be transported to Batavia on the ship Zeekerlust, demonstrated by request that due to various inconveniences he found himself unable to do so, especially his sickly condition, suffering from considerably swollen legs which completely prevented him from walking and standing, and moreover according to the opinion of the doctors it was not deemed advisable to go to sea with such a disordered body, in order not to cause an aggravation condescension therein Petition from the Reverend Minister. Storekeeper regarding the saltpetre. aggravation of the ailment, requesting therefore to be permitted to remain here until next October, in order to undertake the voyage to the Indian headquarters with the regular ship: thus, as the man's indisposed condition is a well-known fact, it is approved and understood to permit him to remain here until a further opportunity, and to give notice thereof to Their High Nobilities in the letter to be dispatched. To make an offer to Their High Nobilities. Just as it was further understood to present to Their High Nobilities the request of the Reverend Minister here, Carel Willem Gebhart, dedicated to the same, tending in second instance to be gratified with the salary and emoluments of a permanent minister of Batavia. Powder and gunners' stores. After which the Governor, submitting a report directed to His Honour by the two storekeepers here, Hendrik Ambrosius Johnson and Joan Daniel Simons, demonstrated to the meeting that in the year 1769 a quantity of 30000 lb. of 17 June 1772. saltpetre. 317. 17 June 1772. saltpetre was demanded from Bengal, and the following year the same was supplied by the ship De Snoek with 30074 lb., whereof, or of the actual quantity of 20570 lb. received here after deduction of the permitted allowance of 5 percent or 1504 lb., a parcel of fully 15500 lb. having been converted into powder, a remainder of about 13001 lb. was left over, because since the book year 1769/70 no powder has been manufactured since the stock was sufficient for the established quota through the gunpowder already manufactured up to that time, consequently the aforementioned remainder of 13001 lb. had remained lying until now; the more so since when saltpetre was demanded from Bengal the last time, they had still been provided here with 11273 lb., which ought to have been consumed first as being the oldest parcel, and that through the lying idle of the aforementioned remainder cited above, that salt had begun to become so powerless and to melt that the sacks in which it was kept, having become damp, 17 June 1772. To write off the loss. Refusal of the delivery of the bethilles Ternatanes at Palliacatta. having become damp, would ultimately become entirely unfit for use and would yield a greater loss; Just as already, according to a second report submitted by His Honour from the Lieutenant of Artillery Godlieb Kruger, 100 lb. having been refined, yielded no more than 44 1/2 lb., and thus had given a loss of 55 1/2 percent; Resolution to be taken. and thus, upon the further proposal of the aforementioned Governor, to prevent further damage, it is approved and understood to have the aforementioned remainder of 13001 lb. delivered to the powder mill for the manufacturing of powder, and to bring this decision respectfully to the attention of Their High Nobilities, together with the reasons thereof; as well as to request their esteemed authorization to be allowed to write off the loss that will fall upon it. The Governor further demonstrated that the Palliacatta merchants had completely refused the supply of the bethilles Ternatanes for such reasons as are recorded in detail in the resolution of 319. 17 June 1772. Of some pieces manufactured here. 9 January last, His Honour therefore, in order to make up for that defect somewhat if possible, had caused some pieces to be manufactured as samples here in the country by the merchants Tieroemenij Chittij and Ramalinga Poele, which thereupon were brought inside and to the table by order of His Honour; and being compared against a Palliacatta sample piece from the year 1727, the same were found reasonably good, both in threads and texture, although the latter or the threads were not quite as fine in everything as the Palliacatta ones, yet they were found to be of good weave, and on the other hand there was also a great difference in price compared to that which was paid at Palliacatta, as a pack of 100 pieces measuring 30 cobidos long and 2 1/4 cobidos wide cost there pagodas 175.-, f 787:10.-, but the aforementioned merchants demanded no more for it than pagodas 155.-, f 697:10.-, thus giving a difference of 20 pagodas, f 90.-.-, or 11 1/16 percent cheaper than could be procured at Palliacatta, likewise the pack of 100 pieces 30 long, but
Dutch transcription
315. den 17. ' Junij 1772. versogte uytsteldoorde Copman de Jonc heelde om na batavia tevertrecken tot 8ber: en waarom voormeld, en het bestek, niets heeft konnen ontdekt wierden dan dat de overheeden gedaan hebben het geen bequaame zeelieden na de omstandigheeden waar in zij geweest zijn, ter voorsetting en bevorde„ „ring van de Reijse, hebben kunnen doen: soo is goedgevonden en verstaan het daar bij ook te laaten berusten, en het zelve Haar Hoog Edelens onder aanbieding van de Copijen der voorsz: papieren ter kennisse te brengen. Door den Coopman en geweese secunde van Palliacatta Nicolaas de Ioncheere deeser daa„ gen van daar dit heen overgekoomen zijnde om met het schip zeekerlust zig naar batavia te laaten trans„ porteeren, bij Request vertoond weesende, dat door diverse Jnconvenienten sig daar toe buijten staat bevond in sonderheijd desselvs siekelijken staat, als Laboreerende aan Considerable opgeswollene benen die hem het gaan en staan, ten eenemaal belettede, en booven dien na het gevoelen van de doctooren niet Raadsaam geoordeeld wierd om met soo een ontsteld lichaam zig op zee te begeeren, ten eijnde geen vererge„ ring condescondense daarin vont Request van den poredekant meester weeg: 't solepeeter ring aan de quaal te veroorsaaken, versoekende dier„ halven gepermitteerd te mogen werden, om tot october naast koomende alhier te moogen verblijven, ten Eijnde met het ordinair schip de reijse naar de Jndiase hoofd„ plaatse te onderneemen: soo is, als smans in disposten toestand een bekende zaak zijnde, goedgevonden en verstaan hem tot verblijf alhier tot nader geleegend„ heijd te permitteeren en daar van bij de aftegaane brief haar hoog Edelens kennisse te geeven. — te doene vanbod aan haar hoog Eds soo als al verder verstaan wierd welmelde Haar hoog Edelheedens aantebieden, het Request van den Eerwaarden predikant alhier Carel willem om agriete en en detmns len Ggebhart aan hoogst deselve gedediceerd, tendeerende Jnstantie om met de besolding en Emolumenten van Een Bataviase permanent Leraar gegratifi„ ceerd tewerden. —. poedite ene hentramischipn Waar na den heer Gouverneur onder overlegging eener Berigt, door de beijde pakhuijsmeesters alhier Hendrik Ambrosius Johnson en Ioan Daniel Simons aan zijn Edele gerigt, de vergadering vertoonde dat in den Jaare 1769. ter quantiteijt van 30000. lb: den 17e. Juny 1772. salprieter. 317. den 17:' Junij 1772. sal peeter uyt Bengale g'eyscht, en het Jaar daar aan deselve per het schip de snoek met 30074. lb: voldaan zijnde, daar van of van de eijgentlijke alhier ontvan„ gene quantiteijt van 20570- lb: naar detractie van de gepermitteerde validatie van 5. percento of 1504. lb:, tot een parthij van ruijm 15500. lb: tot kruyt geconver„ teerd weesende, een Testant van omtrend 13001. lb: overgebleeven was, om dat 't zeedert het boekjaar 179/20. geen kruijt aangemaakt is geworden uijt hoorde den voorraad aan de gemaakte bepaaling derselve voldoende was, door het reeds tot die teijd toe aangemaakte buskruijt, oversulks het voor„ volg melde Restant van 13001. lb: tot nu toe was blyven leggen temeer toen de laaste reijse salpeeter van Bengale g'eijscht is, men alhier nog van 11273. lb: voorsien was geweest, het welk eerst, als de oudste parthij zijnde, had moeten verbruijkt wer„ den, en dat door het leggen blijven van het voormeld Testant hier vooren aangehaald dat zilt sodanig kragteloos begon tewerden, en te versmelten, dat de zacken, waar in het selve was, vogtig geworden synde den 17:' Junij 1772. kwyt te versteecken verlie afte schrijven van de handgeweesene leverantie te pall: van de bethiles Termatanes zynde, op het Laast ten eenemaal onbequaam tot gebruijk werden en grooter verlies geeven soude; Gelijk reets volgens een tweede door welmelde zijn Edele overgelegt berigt van den Luijtenant der ar„ thillerij Godlieb Kruger, 100. lb: geraffineerd wee„ sende, niet meer dan 44½. lb: uytgeleeverd, en dus een verlies van 55. ½. ten honderd gegeeven hadde; besteygt zetn te anmatin en soo is, op den verderen voorstel van wel gedagten heer Gouverneur, tot voorkooming van verdere schaade goedgevonden en verstaan het voormeld restand van 13001. lb: tot het maaken van kruijt aan de kruijt„ en haer ho Eds tes beten out moolen te Laaten verstrecken, en van dit besluijt, neevens de reedenen van dien haar hoog Edelens Eerbiedig onder het oog te brengen; mitsgaders hoogst derselver te eerene qualificatie te versoeken om het verlies dat daar op zal koomen te vallen te moogen Laaten afschrijven. — Alverder vertoonde den heer Gouverneur dat de Palliacatse Cooplieden de besorging van de bethilles Ternatanes ten Eenemaal van de handgekeesen heb„ bende om sodanige Reedenen als ter Resolutie van den 319. den 17. ' Junij 1772. van eenige stucken alhier aangemaakt. den 9:' Januarij Jongstleeden in het breeder vermeld staan, zijn Edele dierhalven om dat gebrek indien het verkoming voorden er gouverneur mogelijk is eenigsints te suppleeren door de Cooplie„ den Tieroemenij Chittij en Ramalinga poele eenige stucken tot monsters in het land alhier hadde doen vervaerdigen, die daar op ter ordre van zijn Edele binnen, en ter tafel gebragt; mitsgaders teegens een Palliacatse monster stuk van den Iaare 1727. geconfronteerd weesende, deselve reedelijk wel bevon„ den wierden, soo in Caalen als draaden schoon de laaste of de draaden in alles Juijst zoo fijn niet waaren als de Palliacatse egter goed van weefsel vrierden bevonden, en daar en teegen ook een groot onderscheijd in de prijs was, teegens die op Pallia„ catta betaald is geworden, als kostende aldaar een pak van 100. p=s lang 30. en breet 2. ¼. Cob.s pag: 175. -. ƒ787: 10. —. dog de Cooplieden voormeld begeerde 'er niet meer voor dan pagooden 155. — ƒ 697. 10. - geevende dus een verschil van 20. pag: ƒ 90. -. –. off 11 1/16. p.r Cento beeter hoop dan op Palliacatta besorgd soude kon„ nen werden, soomeede het pak van 100. p.s Lang 30. dog -
English
the 17th of June 1772. to contract for of [illegible] but 3 Cob=s wide, which at Palliacatta would cost pag: 23. 8. ƒ 1050. –. –, but here only pagodas 225. ƒ 1012. 10. – thus pag: 8. 8. –. or ƒ 37. 10. -. or amply 3. 3/16. less than at the aforementioned office; and so, after further deliberation thereon, it was approved and agreed to contract for four packs thereof, namely two of 2. ¼ Cob=s and two of 3. Cob=s wide, in order, with the approval of Their High Excellencies the Noble High Indian Government at Batavia, to be sent to Europe as a sample, in order to ascertain how its sale would turn out. — Examination of 8 sample pieces. At the session of the 25th of March of this year, the decision on the difficulties raised by the Palicol merchants concerning the collection of linens having been postponed, on account of the high prices being paid by or on behalf of the English, until the chiefs there should have sent over the sample pieces which they had caused to be prepared and purchased, instead of the neat list required by this Government according to the 17th of June 1772. last year from there of the linens that were bought up by private Armenians for the English, since obtaining that list, according to what was noted in the chiefs' letter of the 4th of February past, had been completely fruitless, despite the efforts made by the servants for that purpose, and which sample pieces to the number of 8 p=s having since been received here and now being viewed and examined in the meeting, it was resolved to send half of each of those pieces to Batavia, for the esteemed consideration of Their High Excellencies, with a distinct demonstration of the differing purchase prices which the Honorable Company and the private English paid for them, as well as the loss suffered by the merchants of the Honorable Company, as also became evident below; as and with which demonstration: 2 p=s No 1. and 2. being common bleached Guineas, of the very same assortment as was collected by the English; namely, according to the resolution of this table of the 4th of November No. 1. the 17th of June 1772. No 1. Is a piece accepted by the English costing them with bleaching and dressing: Nagapatnam three-image . . pso 79. 17 1/8. No 2. being a piece rejected by them because it was with holes provided - - - - - „ By the Honorable Company was paid for a pack 1st sort in the same currency - - - - - „ 71. 3¼. Thus less - f 8. 1. 1/80 8 per Corge 2 p=s 2 p:s No 3. and 4. common bleached Guineas with the ordinary supply of the Company's merchants, which was nearly as good as the aforementioned English assortment, and therefore the traders had to pay just as much for it, but the Honorable Company gave them no more for it than for the pack 2nd sort per Corge 60. 15¼. But the English - - - „ 79. 17 1/8 wherefore the Honorable Company R/o 11 2 1/8. per Corge 4. 1/8. 2 p. s the 17th of June 1772. 2 p:s No 5. and 6. also common bleached Guineas 2nd sort, for which the merchants had to pay to the weavers - - - - p/o 60. 15. ¼. Which however were only accepted for 3rd sort at „ 66. 3¼. Thus the traders lost thereon „ 2. 12. per Corge 3. ¼. 2 No 7. and 8. common bleached Guineas, being two pieces rejected by the chiefs, which however the merchants had likewise had to accept from the weavers as 2nd sort for - - - - - - „ 68. 15¼. The rejection price with the Honorable Company was no more than pr/o 64. 16. ½. new Nagapatnam currency or - - - - - - „ 56: 17. 7/8: Thus giving a loss for the merchants of - - - - - - - p/o 11. 21 7/8. „ „ 17. ¼. from which specification it became most evidently clear to the Government that the continuous solicitations of the merchants at that factory for obtaining an increase are not without foundation, since, having obtained the same, they would then dare to come to the market just as well as the brokers and the authorized agents of the English or their servants, and could encourage the weavers by advances to the production of good or similar linens as was done for the British; But on the other hand, it being considered at the same time that upon granting any augmentation to those dealers, the merchants of Iaggernaijkpoeram would also come forward with similar solicitations, without doubt, on account of their also collecting cloths in nearly those same regions, maintaining or at least excepting that, upon failing to obtain any increase, they were subject to the same difficulty regarding the procurement of linens as those Palicol traders have been; so, this having been deliberated upon, it was approved the 17th of June 1772.
Dutch transcription
den 17 ' Junij 1772. aantebesteeden ken van pualioot at han gesonde dog 3. Cob=s breet het welk te Palliacatta kosten Soudte pag: 23. 8. ƒ 1050. –. –, dog alhier maar pagoo„ den 225. ƒ 1012. 10. – dus pag: 8. 8. –. of ƒ 37. 10. -. off 3. 3/16. ruijm minder, dan ten voormelde Comptoire: beteigt daenvan 4 pat e en soo is daarover alverder gedelibereerd zijnde goed„ gevonden en verstaan, daar van vier packen als twee van 2. ¼. Cob=s, en twee van 3. Cob=s breet aante„ besteeden, om met het goedvinden van Haar Hoog Edelens de Edele hooge Indiase Regeering te Batavia ter preuve naar Europa versonden te werden, ten eijnde te ontwaaren, hoedanig met dies verkoop uijt vallen soude. — Examinatie van 8: p„r monsterstuc„ Ter sessie van den 25. ' Maart deeses Iaars uijtgesteld zijnde de dispositie op de door de Pali„ colse Cooplieden voortgebragte swaarigheeden omtrend den Insaam van Lijwaaten, uijt hoorde van de hooge betaald wierdende prijsen door ofte van weegen de Engelsen, tot dat de opperhoovden aldaar overgesonden soude hebben, de monster stuk„ ken, die zij hadden doen ingereedheijd brengen en inkoopen, insteede van de door deese Regeering volgens 29 321. den 17:' Junij 1772. tavia te senden. anno passato van daar gerequireerde nette lijst van de Lijwaaten, die door de armeenders particuliere voor de Engelsen opgekogt wierden, alsoo de bemagtiging van die lyst na het genoteerde bij der opperhoofden Letteren van den 4: febr: passato ten eenemaal vrig„ teloos geweest was, ongeagt de moeijte door de be„ diendens daar toe aangewiend, en welke monster stucken ten getalle van 8. p=s 't seedert alhier ontvangen en als nu in vergadering besigtigd en g'examineerd weesende, beslooten wierd van besluyt van eder de helfte na ba„ ieder dier stucken de helft naar Batavia tesen„ den, ter g'eerde speculatie van haar hoog Edelens, met distincte aantooning van de differeerende inkoops prijsen, dewelke dE: Comp:e en de particu„ liere Engelsen, daar voor betaalden, als meede het verlies dat bij de Cooplieden der E: Comp: geleeden wierd, gelijk hier onder meede quam te blijken; als en met welke aentoening 2. p=s N o 1. en 2. zijnde guinees gemeen gebleekt C van dat zelvee sortement, als door de Engelsen wierd ingesameld; Teweeten volgens besluijt deeser tafel van den 4. ' November No. 1. den 17. ' Junij 1772. N:o 1. Js Een stuk door de Engelsen g'accepteerd Hostende haar met bleek en opmaakl: Nagap=te driebeeldige . . pso 79. 17 1/8. „ 2. zijnde een stuk door deselve uijt geschooten om dat met gaate Bij dE: Comp: wierd voor een pak 1. Zoort in gelijke munt Des minder - f 8. 1. 1/80 8 prCo 2 p=s „ 2. . p:s N:o 3. en 4. Guinees gem: gebl: met den ordinairen aanbr: van 'sComp=s Cooplieden dewelke ten naasten bij soo goed was, als het voormeld Engels sor„ teering en daarom de han„ delaars er al soo veel voor moesten betaalen dog dE: Comp: haar niet meer voor gaf dan voor 't pak 2. z=t perCo. 60. 15¼. Dog de Engelsen - - - „ 79. 17 1/8 over zulx dE Comp: minder R/o 11 2 1/8. p:r Co 4. 1/8. voorsien was - - - - - „ betaald - - - - - „ 71. 3¼. 2. p. s 323. den 17:e. Junij 1772. 2. p:s N:o 5. en 6. meede guins gem: gebl: 2. Z. t, waar voor de Cooplieden aan de weevers betaalen moes„ - - - - p/o 60. 15. ¼. Dog dewelke maar voor 3.t Zt aangenoomen waaren teegens „ 66. 3¼. Des de handelaars daar op verloor. „ 2. 12. p.r Co 3. ¼. 2„ N:o 7. en 8. Guinees gem: gebleekt zijnde twee stucken door de opper„ hoofden uijtgeschooten, dog de„ welke de Cooplieden almeede teegens 2:' zoort van de vree„ vers hadden moeten accep„ teeren voor - - - - - - „ 68. 15¼. D' uijtschott prijs bij dE: Comp: was niet meer dan pr/o 64. 16. ½. nieuwe Nagapatnamse Geevende dus een verlies voor de Coop„ lieden van - - - - - - - p/o 11. 21 7/8. „ „ 17. ¼. munt of - - - - - - „ 56: 17. 7/8: uyt ten. tie om prijs verhooging heet onge„ grond is. voer zuld inganteligj bod. besluyt om de palicolse coopl: van de t Lidaten gaudeeren blyke daar uyt gat de Costestent tijt welke specificatie de Regeering ten Evidensten quam te blijken, dat de Continueele sollicitatien der Cooplieden te dier factorij ter erlanging van verhoo„ ging niet zonder grond gedaan zijn, dewijle by obtenu derselve zij dan alsoo wel, als de maakelaars, en de gemagtigdens van de Engelsen of derselver bediendens ter meerkt soude durven komen, en de weevers door voor uyt verstreckingen tot het aanweeksen, van goede of zoortgelijke Lijwaaten als voor de britten wierde dog remange weg: d Jag: of gedaan, aansetten kunnen; Dog aan de andere kant teffens geconsidtereert zijnde, dat bij toevoe„ ging van eenige augmentatie aan die marchiandeurs de Cooplieden van Iaggernaijkpoeram meede met gelijke sollicitatien opkoomen zouden, sonder uijt hoofde zij ook bij na in die selvde contrijen in„ saam van doeken doende sustineeren ten minsten excipieeren zullen dat bij nonerlanging van eenige verhooging aangelijke beswaarlijkheijd omtrend het bemagtigen van Lijwaaten onderworpen waa„ ren, als die Palicolse handelaars geweest zijn; toestaene p C: ntogim ag mut soo is daar over gedelibereerd weesende goedgevonden den 17e. Junij 1772. en -
English
325. the 17th of June 1772. and understood, notwithstanding Their High Excellencies' already granted permission by Their said venerated letter of the 31st of May 1711 for adding a three percent increase for the Palicol merchants, to persist in the resolution of this Council of the 5th of August of the past year not to let those merchants enjoy that favor for the present, but to postpone it until one should have experienced how they would conduct themselves in fulfilling the demands assigned to them, since the complaints of the merchants were very general, and thus nothing new that one came to experience repeatedly at the yearly new contracts, although those complaints about the difficulties and hindrances that accompanied the collection of cloths were made with more foundation by the merchants of one factory than of the other, but whereby it was at the same time undeniable that the merchants who had to conduct trade in the lands dominated by a foreign power were most to be pitied; all of which it was further decided to bring respectfully to Their High Excellencies' attention in the letter to be sent with the ship Zeekerlust. Hereafter the well-mentioned Governor demonstrated to the assembly that, having observed to his surprise in the Iaggernaijkpoeram letter accompanied by the aforementioned vessel, addressed by the chiefs to this government, the small cargo of 725 packs which the said vessel had taken in both at Bimilipatnam and Iaggernaijkpoeram, and was therewith fully laden according to a declaration granted by the skipper and chief mate, His Honour, having questioned the skipper on this matter who attributed the same to the 2,500 bags of saltpeter loaded in the Bengal region into the said vessel, had immediately caused the cargo and stowage of the same to be examined by two commissioned seamen, the mate Ian Hansz and the boatswain Michiel Kint, in the presence of the Master of the Equippage here, Iacob Hartman, 327. the 17th of June 1772. as well as whether, through some alteration to be made therein, there was no possibility to grant the said vessel more packs; just as, this having been carried out, it had been demonstrated in a report submitted by them, which His Honour also presented, that no more packs could be taken in except to fill the place of the 26 bales from the bulkheads that were removed here, because the saltpeter lay so high that no more space than merely eight feet remained between the saltpeter and the deck beams, but besides this it was simultaneously indicated and proposed in that writing that when the water bulkhead was moved two beams forward and the uppermost layer of saltpeter brought forward, there would then still be space for 3 to 400 packs, and in that case the water hole would also be so large that easily between sixty and seventy leagers of drinking water could be stored therein; which His Honour, finding this advantageous and consistent with the interest of the Company, had already immediately given the necessary orders to alter, enlarge, and clear it in that manner, the more so as the skipper George Iacob Meijer concurred with the report of the aforementioned commissioned seamen, and moreover, according to received reports, many of the loaded packs having been found wet and damp, virtually the entire cargo had to be broken up in order to remove the aforesaid wet bales from it, and at the same time the bulkheads of the so-called rice room had been torn down, through which alteration such a space would be created in that vessel that, besides the packs taken in at Bimilipatnam and Iaggernaijkpoeram, well over 300 bales could still be dispatched therewith for Europe, since otherwise these, or an equal number of bales, might sometimes have to remain lying over here, because according to an estimate made it was found that there will be enough packs on hand for the expected return ship, as there are already found at the offices, according to the latest reports, a number of 891 packs, whereto the incoming
Dutch transcription
325. den 17e. Junij 1772. en verstaan ongeagt haar hoog Edelens reeds ver„ leende toestemming bij hoogst derselver gevenereer„ de Letteren van den 31. ' Meij 1711. ter toevoeging van drie percento verhooging aan de Palicolse han„ delaars ter persisteering bij het besluijt deeser tavel van den 5. ' augustus des gepasseerden Jaars om die handelaars voor eerst van die gunst niet te laaten gaudeeren, maar uijt testellen, tot dat men ondervonden soude hebben hoe zij zig in de voldoening van de aan hun opgedraagene Eijs„ schen quam te Comporteeren, dewijl het klaagen der Cooplieden seer algemeen, en dus geen nieuwtje was het geen men telkens bij de Jaarlijkse nieuwe aanbesteedingen quamen te ondervinden, hoewel die klagten over de swaarigheeden en Empeche„ menten, welke den Insaam van kleeden verseld gongen, van de Cooplieden van de eene factorij met meerder grond wierde gedaan dan van de andere, dog waar bij het teffens niet te ontkennen was, dat de handelaars die de negotie in de door een vreem„ de moogendheijd overheerde Lande drijven moesten het. dierCoopl: ondert oor te brengen 725: pack: int schip zeekerlust don haar hom Ed: agedinge lijte het meest te beklaagen zijn, al het geen dan alverder beslooten haar hoog Edelens bij de met het schip zeekerlust aftegaane brief Eerbiedig onder het oog te brengen. — verwondering over de laging van meer Hier na vertoonde welmelde heer Gouverneur aan de vergadering dat zijn Edele tot verwondering bij de Iaggernaijkpoeramse brief ten geseijde van voormelde bodem, door de opperhoofden aan deese Regeering gerigt, te vooren gekoomen zijnde de geringe Laading van 725. packen die gemelde kiel soo te Bimilipatnam als Iaggernaijk„ „poeram ingenoomen hadde, en daarmeede volgens een door den schipper en opperstuurman verleende verklaaring vollaaden was, zijn Edele dierhal„ ven, uijt hoovde den schipper op de dierweegens gedaane afvraage het zelve quam toeteschrijven aan de in gedagte Kiel in Bengale afgelaadene 2500. Zacken salpeeter ten eersten door twee „zee gecommitteerden„ Lieden den stuurman Ian Hansz: en den bootsman Michiel Kint ten overstaan van den Equipagiemeester alhier Ia„ den 17 '. Junij 1772. cob. 327. den 17:' Junij 1772. vilitatie van de zaadenig dus tiagee van dien hiel verneur om alles volg=s dat geschrift te veranderen en waderom cob Hartman, de lading en stuagie derselve hadde laaten ondersoeken, soomeede of door eenige te makene verandering in deselve, geen moogelijkheijd was, om ge„ dagte boodem meerder packen in te kunnen geeven, gelijk zulx volbragt zijnde, bij een door haar daar van gediend mngekomen rsegtwg: de eden Rapport, het welk zijn Edele teffens produceerde aange„ toond was geworden dat geen meer packen in konnee„ men dan ter plaats vulling van de 26. fardeelen uijt en wat daar by aangebond werd schotten die alhier geligt zijn, nadien het salpeeter soo hoog lag, dat geen meer ruijm te dan van maar agt voeten overbleef, tusschen het zalpeeter en de dek„ balken, dog daarneevens tewfens bij dat schriftuur aangeweesen en voorgesteld weesende dat wanneer het waterschot twee balken naar vooren wierd ver„ set en de boovenste laag, salpaeter voor uijtgebragt, als dan nog ruijm te voor 3. â 400. packen soude wee„ sen, en in dat geval het waater gat ook soo groot soude zijn, dat gemackelijk tusschen de sestig en seeventig Leggers drinkwaater daar in geborgen konde werden, dat zijn Edele als zulx voordeelig en met het intrest netsgesteld odr door den heer gou„ van de Compagnie overeen koomende bevonden hebbende, al vervolg al ten eersten de nodige ordre gegeeven hadde, om het indier voegen te veranderen, vergrooten en opruijmen temeer den schipper George Iacob Meijer sig met het Rapport van voormelde gecommitteerde zeelieden ge„ confirmeerd heeft, en booven dien volgens ingekoomen berigt veele der ingeladene packen nat en vogtig be„ vonden zijnde, genoegsaam de geheele lading opgebroo„ ken moeste werden om er de voorsz: natte fardeelen uyttehaalen, en daar bij teffens weggebrooken waaren geworden, de schotten van de soogenaamde Rystkamer, door welke verandering indien bodem sodanig een ruymte soude koomen, dat buyten de op Bimilipatnam en Iaggernaijkpoeram ingenoomene packen nog ruijm 300. fardeelen voor Europa daarmeede afge„ stocken soude konnen werden, dewijl anders deselve off een Eeren gelijk getal fardeelen somtijds alhier soude moeten blijven overleggen, nadien naar gemaakt over„ slag bevonden is, dat voor het verwagt werdend retour schip packen genoeg aan handen sullen sijn, als bevin„ dende zig reeds op de Comptoiren volgens de Jongste berig„ ten een aantal van 891. packen, waar bij nog het inteka„ den 17e. Junij 1772. mene
English
329. 17 June 1772. to regulate the loading of that keel, the linens resorted here could be calculated up to a quantity of about 435 bales, thus making together a number of 1326 packs, consequently sufficient for the full cargo of a Return ship of 140 feet, with which change made the members fully conformed, it was furthermore unanimously resolved, in the loading of that keel, first to give it all the Bimilipatnam, Jaggernaikpatnam, and Palicol packs, and then to have the remaining space filled with the fatherland linens available on hand here and the cotton blankets received from the north, and then, if there is still space remaining, to take in as many Indian bales as it will be able to accommodate. There were also resumed the findings of the resorted linens from Jaggernaikpatnam, Palliacatta, and Sadraspatnam to the number of 37 packs, according to which the cloths from the first-mentioned factory were found to be in just as poor condition as the previous ones, or those received from there in the preceding year and examined here in the same manner, mentioned in the Resolution of 17 and 26 December of the past year; just as those from Palliacatta were also found not to be in satisfactory condition. Insertion of the same: As appears below from the aforesaid findings: Findings regarding the following packs of diverse linens collected at Jaggernaikpatnam, Palliacatta, and Sadraspatnam, which were inspected and found on the 2nd and 6th of this month by the Right Honorable, Valiant Mr. Reijnier van Vlissingen, Governor and Director of this Coast of Coromandel and its jurisdiction, and the Honorable Mr. Henricus Leembruggen, together with the Merchants Hendrik Ambrosius Johnson and Cornelis Pietersz, as well as the Junior Merchants Jan Appengl, Jacob van Tessel, Peracules Mossel, and Nicolaas Tadama, alongside the Bookkeepers Dirk Buijs, Nicolaas Campie, Jacob Adriaan Dormeeux, Adam Godlieb Henck, David Vick, and Pieter Carel Muratel, as follows: From Jaggernaykpoeram 20 packs of diverse cloths, namely: 4 packs of Guinees, fine bleached, for the Homeland; of these: 2 packs, 1st sort, among which: 1 pack No. 107, on the order of the preceding year, very poorly folded and packed, and otherwise in its sort no more than passable, with many pieces found upon remeasuring to be 1/16 [illegible] too narrow. 1 pack No. 323, on the order of this year, reasonably good, 39 pieces 1/16 [illegible] too narrow. 2 packs, second sort; of these: 1 pack No. 1078, on the order of the preceding year, passable but poorly folded and packed, and 1/16 [illegible] ditto. 1 pack No. 334, on the order of this year, to be examined further because during sorting a piece was found with holes and darns. 28 and 4 packs carried forward. 17 June 1772. 331. 17 June 1772. 28 and 4 packs brought forward. 2 packs of Guinees, bleached, former sort, for the Homeland; of which: 1 pack, 1st sort, No. 1079, on the order of the past year, accepted for second sort instead of first, also poorly folded and packed, and likewise 1/16 [illegible] too narrow. 1 pack, 3rd ditto, No. 380, on the order of this year; passable, but 1/16 [illegible] too narrow. 4 ditto Guinees, common bleached, for the Homeland; of these: 2 packs, 2nd sort; of these: 1 pack No. 454, on the order of the past year, passable, but several pieces 1/16 [illegible] too narrow. 1 pack No. 342, on the order of this year, thoroughly very poor, so that some pieces look more like rejects, being likewise 1/16 [illegible] too narrow. 2 packs, third sort; of which: 1 pack No. 307, on the order of the preceding year, for the most part resembling rejects, being likewise 1/16 [illegible] too narrow. 1 ditto No. 110, on the order of this year, passable, but 1/16 [illegible] too narrow. 2 packs of Guinees, common brown, 2nd sort, for the Homeland; being: 1 pack No. 446, on the order of the preceding year, looking for the most part like rejects. 1 pack No. 125, on the order of this year, generally poor. 2 packs of Salempoeris, fine bleached; namely: 1 pack, 1st sort, No. 1081, on the order of the preceding year, for the Homeland, good, but 1/16 [illegible] too narrow. 1 pack, 2nd ditto, No. 330, on the order of this year, for Batavia, passable, but likewise 1/16 [illegible] too narrow. 4 packs of Salempoeris, common bleached, for the Homeland; among these: 2 packs, second sort; of which: 1 pack No. 132, on the order of the year 1770, common and slovenly folded and packed. 1 pack No. 1086, on the order of the year 1771, also common and ditto folded and packed, and 1/16 [illegible] too narrow. 2 ditto, third sort; of these: 1 pack No. 1322, on the order of the year 1770, passable in comparison with the 2nd sort. 1 pack No. 877, on the order of the year 1771, very poor and slovenly folded and packed, and also 1/16 [illegible] too narrow. 28 and 18 packs carried forward.
Dutch transcription
329. den 17: Junij 1772. belaading van dien kiel te reguleeren nige alh=r gehersorteerde sywaaten mene tot op een quantiteijt van C: C: 435. fardeelen gekal„ culeerd konde werden, dus tesaamen een aantal van 1326. packen uijtmaakende oversulx voldoende tot de vollading van een Retourschip van 140. voeten, met welke conformeering vandeleden danae gemaakte verandering de leeden zig ten vollen conformee„ rende, alverder eenpaariglijk beslooten wierd, in de wee beslant hedang syjende weesen der belading van dien kiel, deselve eerst alle de Bimili„ patnamse, Jaggernaijk p=te en palicolse packen integee„ ven, en dan de overblijvende ruijmte te doen vullen met de alhier aan handen weesende vaederlandse Lijwaaten en de van de noord ontvangene gecattoeneerde deekens, mitsgaders, dan nog plaats overblijvende, soo veel Jndierse fardeelen integeeren als zal konnen inneemen. — Nog wierden geresumeerd de bevinding der gehersorteerde zij wtimpte vam en berendeng ven e„ waaten van Jaggernaijkip=r palliacatta, en sadras p=m ten getael„ le van 37. packen volgens dewelke de doeken van eerstgemelde factorij al soo slegt geconstitueerd bevonden zijn, als de voorige of in anno p=o van daar ontvangene, en alhier in selver voe„ gen g'examineerde 37. packen ter Resolutie van den 17:' en 26:' December des gepasseerden Iaars vermeld; soo als die van Palliacatta meede niet naar genoegen geconsti„ tueerd. Jnsertie van deselve tueerd wierden bevonden, Gelijk hier onder bij de voorsz: bevendingen komt te blijken Bevinding van de ondervolgende packen diverse Lij„ waaten te Iaggemaijkp=m, Palliacatta, en Sadres p=m ingesameld; dewelke op den 2. ' en 6. ' deeser door den welEdelen gestr: Heer Reijnier van Vlissingen, Gouverneur en directeur deeser Custe Cormandel, met den Resorte van dien, en den E: E: Heer Henricus Leembruggen, Neevens de heeren Cooplieden Hendrik Ambrosius Johnson, en Cornelis Pietersz:, zoomeede de ondercooplieden Jan Appengl, Iacob van Tessel, Peracules Mossel, en Nicolaas Tadama, mitsgaders de boekhouders Dirk Buijs, Nicolaas Campie, Iacob Adriaan Dormeeux Adam Godlieb Henck, David vick, en Pieter Carel Muratel besigtigd en bevonden zijn; als Van Jaggernaykpoeram 20. –. p=rs Diverse kleeden; Teweeten 4. . p=s Guinees fijn gebl: voor't Patria; hier van 2. –. p=ren 1. ' zoort; waar onder 1. –. pack N:o 107. op den Eijsch van Ad. o p:o seer slegt opgemaakt, en voorts in sijn zoort niet meer dan passabel zynde daar onder veele stucken bij nameeting bevonden 1/16 @: te smal 1. -. „ „ 323. op den Eijsch van dit Jaar Reedelijk goed, 39 1/16 @: tesmal 2. –. p=s Tweede zoort; hier van 1. –. pak No 1078. op den Eijsch van d. o p„o passabel dog slegt opgemaakt en 1/16 @ d„o 1. —. „ „ 334. „ „ „ van dit Jaar, nader te Examineeren om reeden onder het zorteeren een stuk met gaaten en stoppen bevonden zyn 28: e 4. –. paken Die Transporteere. den 17e. Junij 172. 331. den 17. ' Junij 1772. 28. „ 4. -. p=r Per Transport 2. . „ Guinees gebl: sCom p.s oude zoort voor't Patria; van dewelke 1. –. pak 1. Zoort N=o 1079. op den Eijsch van d. o vergange, insteede van eerste voortwee„ de zoort g'accepteert zynde, teffens slegt opgemaakt, en meede 1/16. @: te smal 1. -. „ 3. d. o N. o 380. op den Eysch van dit Jaar; passabel dog 1/16. Ca: te smal 4. –. d. o Guinees gemeen gebleekt voor 't patria; daar van 2. -. p:s 2. Z=t; van deese 1. -. pak N:o 454. op den Eijsch van d=o vervreeken, passabel, dog verscheijde stucken 1/16. Ca: te smal. 1. - „ „ 342. op den Eysch van dit Jaar, Doorgaans heel slegt, soo dat som„ mige stucken meer naar uyt schot gelyken, zynde meede 1/16. @a: te smal. 2 - -. p. s Derde zoort; van dewelke 1. - pak. No 307. op den Eijsch van d. o p=s voor't grootste gedeelte naar uytschot gelijkende, zynde meede 1/16: Ca: te smal 1. – . d=o „ 110. op den Eijsch van dit Jaar passabel dog 1/16. Cd: te smal 2. –. p s Guinees gemeen Ruw 2:' Zoort voor 't patria; als 1. –. pak N:o 446. op den Eijsch van d:o p=s lykende voor't grootste gedeelte naar uijtschot 1. -. „ „ 125: „ „ d=o „ dit Jaar doorgaans slegt 2. -. p. s Salempoeris fijn gebl:; Teweeten 1. -. p=k 1:' Zoort N:o 1081. op den Eysch van d. o p. o voor't patria, goed, dog 1/16 Cd: tesmal 1. - „ 2. d.:o „ 330. „ „ _:o „ dit Jaar 2:n batavia patsabel dog meede 1/16. ad: te smal 4. –. p=s Salempoeris gem: gebleekt voor't Patria; hier onder 2. -. p=rse Tweede zoort; waarvan 1. –. p. r N=o 132. op den Eijsch van A=o 1770. gemeen en Slordig opgemaakt 1. - „ „ 1086. „ „ „ „ „ 1771. ook gemeen en _:o opgemaakt mitsgaders 1/16. Ca: te smal 2. - d=o Derde zoort; hier van 1. – pak N:o 1322. op den Eijsch van Ao 1770. in vergelijking van de 2:' z=t passabel 1. - „ „ 877. „ „ _ „ „ 1771. seer slegt en slordig opgemaakt als meede 1/16 @: te smal 28. en 18. –. p=re Die Transporteere.
English
28. and 18. packages per transport 2. –. Salempores common, raw, 2nd sort for the Fatherland; among which 1. -. pack No 461. on the demand of the aforementioned previous year, mostly like rejects 1. - ditto 349. on the demand of this year; reasonable 3. – packs Chelasses striped, 2nd sort; thereof 1. -. pack No 8. on the demand of this year for the Fatherland, various pieces coarse and uneven 2. – on the demand of the year past of these 1. . pack No 941. for Poulo Chinco, passable, 1. - pack No 952. for Ternate, generally coarse, loose, and poorly woven 1. –. pack Bethilles Callawa phoe 2nd sort on the demand of this year for the Fatherland No 9. passable 4. -. packs Romals various 2nd sort for the Fatherland on the demand of this year; of which 1. –. pack Sestergantij No 5. good 1. - ditto De Esta No 22. passable 1. – ditto Striped large No 23. bad 1. – ditto ordinary large No 27. very bad, coarse, loose, and also bad of color from Paliacatta 5. –. packs Gingham Taffa Chelas of Japan; among which 2. - packs Extra fine No 52. and 21. good 1. . ditto fine improved fabric No 54. generally bad and very discolored 2. -. ditto ordinary sort No 56. and 23. good From Sadraspatnam 4. - packs Diverse cloths; of this 2. - packs Guinees common bleached 3rd sort for Ternate No 105. and 61. good 1. - ditto brown blue 2nd sort for Batavia No 109. ditto 1. -. ditto Salempores brown blue 3rd ditto for Cape of Good Hope ditto Thus Inspected and Found At Nagapatnam In the Castle The 17th June Anno 1772 was signed F. W. Bloeme Factuur etc. — the 17th June 1772 333. the 17th June 1772. Thus it was understood to send off the aforementioned linens as well, just as they are, to the disposal of their High Nobilities with the ship Zeekerlust, and furthermore to send a copy of these findings to the chief merchants, and to reproach most sternly those of Paliacatta about the bad condition of the taffa chelas fine improved fabrics; and furthermore to have the one piece from the Jaggernaijkpoeram pack No 334 found with holes replaced with another good piece, from the linens delivered to the washers for re-bleaching. — Upon an incoming report of the commissioned military officers Johan Jochem Winkelman and Michiel Debelaar regarding their inspection and performed examination of the weapons brought along from Sadraspatnam by the discharged soldier Hermanus De Croes, according to which the gunstock and the ramrod, as well as 1 sword and 1 bayonet scabbard, 1 cartridge pouch belt, 1 Malay cartridge pouch, and 1 cartridge pouch strap were found unserviceable, and on the other hand were found good, the musket barrel, a sword with iron hilt, and a common sword knot, it was understood to charge back the value of the unserviceable items to Sadras to be paid there by the overseer of the armory, and furthermore to have them destroyed and burned every six months by the commissioners, while receiving the serviceable items here. — And the riding horse sent as a gift to the Governor here by the Nawab of Arcot, the Lord Hoesseen Alichan, having been appraised according to the incoming report at page 87. ½. or f. 393. 15., it was understood to enter that amount to the credit of the gift account, and for the present to retain the aforementioned horse here, whether for sale or transport, just as was decided regarding the previous gift horses. — After which, upon the proposal of the Governor, it was decided to transport by the aforementioned vessel Zeekerlust to Batavia the soldiers last punished by running the gauntlet for desertion pursuant to the resolution of this Council of the 9th April last, named: Coenraad Hendrik Mol, Goetfried Smelver, Hendrik Dakman, and Johan Bernard Turgens, 335. the 17th June 1772. as well as the easterners Medien of Ceylon, and Soekoer, since the first is not free of suspicion that he had some knowledge of the murder committed these days by the Armenian Johannes Manuel Cheriman, and the other because he lies under the suspicion that he attempted to transport slaves from here. — Since the order to properly caulk and provide for the ships before packs and other goods are loaded, in order through that precaution to prevent damage, seems to have fallen into oblivion, because the chief merchants at Bimilipatnam as well as at Jaggernaijkpoeram have loaded packs into the aforementioned ship without having the same properly caulked etc.; which neglect must be partly if not wholly attributed to various packs unloaded therefrom mentioned herebefore: thus it has been approved and understood to renew the orders given in that regard, and to instruct the servants of the subordinate factories.
Dutch transcription
28. en 18. . hacken Per Transport 2. –. „ Salemp:s gemeen. ruw 2:' zoort voor 't Patria; onder welke 1. -. pak N.o 461. op den Eysch van d. o p. o gelijk meest naar uytschot 1. - „ d:o 349. op den Eysch van dit Jaar; Reedelijk 3. – p=s Chelassen geruyte 2. Zoort; daarvan 1. -. p s N:o 8. op den Eijsch van dit Jaar voor't patria, diverse stucken grofijt en onegaal 2. – „ op den Eijsch van a:o J=o van deese 1. . p=r N o 941. voor poulo Chinco, passabel, 1. - „ „ 952. „ Ternaaten, doorgaans, grot, ijl, en slegt van gewreeft 1. –. p=r Bethilles Callawa phoe 2: zoort op den Eysch van dit Jaar voor't patria N. o 9. passabel 4. -. „ Roemaals diverse 2:' Z=t voor 't patria op den Eisch van dit Jaar; van dewelke 1. –. p=r Sestergantij N:o 5. goed 1. - „ De Esta n:o 22. passabel 1. – „ Geruyte groote N. o 23. slegt 1. – „ ordinaire Groote N:o 27. seer slegt, grot, eijl, en ook slegt van Couleur van Palliacatta 5. –. p=ren Gingam Taffa Chelas van Iapan; ondewelke 2. - p=ks Extra fijne N=o 52. en 21. goed 1. . „ fijne verbeeterde stoffe N=o 54. doorgaans slegt en seer mis Couleuren 2. -. „ ordinaire Zoort N:o 56. en 23. goed Van Sadraspatnam 4. - p:s Diverse kleeden; hier van 2. - p=ren Guinees gem: gebl: 3.:' Zoort van Ternaten N o 105. en 61. goed 1. - „ _o bruijn blaauw 2:' Zoort voor Batavia N o 109. _. o 1. -. „ Salemp=s bruijn bl: 3: _o „ Cabo de Goede Hoop _.o Aldus Besigtigd en Bevonden Tot Nagapatnam In't Casteel Den 17.:' Junij Ao 1772 /:was geteekend:/ F=k w=m Bloeme Factuur &: — den 17:' Junij 1772 Soo 333. den 17:' Junij 1772. tie van haar hoog Ed=s naar batavia te stek gesteldheid van de tafsachelas te repro„ cleeren Jag: met een ander te suffiteren. rapport weeg=s de waapen van een van sadras gekoomen solderen Soo is verstaan de voorsz: lijwaaten meede zoo als se beslang die van Jug: ter dispoti„ sijn ter dispositie van haar hoog Edelens met het schip zeekerlust aftesenden, en voorts de Copia dier bevindingen, de opperhoofden te doen toekoomen, en die van Palliacalta ende paliaatse sterk: vordes legte op het emstigste te Reprocheeren over de slegte gesteld„ heijd van de taffa chelas fijne verbeeterde stoffen; en wijders het eene stuk uyt het Jaggernaij kpoeramse oan en met gaten bevonden teken pak N=o 334. met gaaten bevonden te doen suppleeren met een ander goede stuk, uyt de aan de wasschers ter weeder herbleeking afgegevene Lijwaaten. — Op een ingekoomene Rapport van de gecommit, Rresumptie van en dispostie op en teerde militaire officieren Iohan Jochem Winkel„ man en Michiel Debelaar weegen hun verzuigting en gedaane visitatie der wapenen door den van Pa„ draspatnam verlosten zoldaat Hermanus De Croes van daar meede gebragt, volgens het welke het Laahout en de Laadstock mitsgaders 1. deegen en 1. baijonet schee 1. Cardon Riem, 1. pattroontasch maleijdsche, en 1. pattroontasch viem onbequaam, en daar en teegen goedbevonden zyn, de snaphaan„ loop, een Deegen met ijzer gerest, en een port de Espec gemeene den 17e'. Juny 1772. eerstgeschonken paars ten goede vonde sadenkagje recq ntenemen. honder afgestrafte persoonen na batavia te senden gemeene, Js verstaan het aangereekende bedragen van de onbequaame weeder sadras te rug te reekenen om aldaar door den opsiender van de waapenkamer be„ taald tewerden, en voorts om de ses maanden door gecom„ mitteerdens te laaten vernietigen en verbranden mits„ gaders het bequaame alhier inteneemen. — besten omd geteerde waard r En door den nabab van arkadoe D' heer Hoes„ seen Alichan aan den heer Gouverneur alhier tot geschenk toegesonden Rijpaard volgens daar van ingekoomen Rapport op pag: 87. ½. of ƒ. 393. 15. geta„ keerd zijnde is verstaan dat bedraagen ten goede van de schenkagie Reecquening te doen inneemen, en en gelegs paard voordls nog aan t het paard voormeld voor eerst alhier aan tehouden het zy ter verkoop of versending, gelijk ten opsigte van de voorige geschonkene paarden beslooten is. — „tem on de nevrs gen oordelitie Waarna op den voorstel van den heer Gouverneur beslooten wierd de laast of ingevolge Resolutie deeser tafel van den 9. ' april Jongstleeden, over desertie door de spits Roede afgestrafte zoldaaten in naa„ men: Coenraad Hendrik Mol, Goetfried Smelver, Hendrik Dakman, en Iohan Bernard, Tur„ gens 335. den 17e. Junij 1772. ne beveelen weeg=s 't behoorlijk doen Calfraten der scheepen na de buyten gens per voorsz: boodem Leekerlust naar Batavia te versenden, als meede de oosterlingen Medien van zoomed deoterlungen an waarm Ceijlon, en Soekoer, dewijl den eersten niet vrij van suspicie is, dat eenige kennisse hadde, van de moord. deeser daagen bij den armeender Iohannes Ma„ nuel Cheriman gepleegd, en den anderen over dat onder de verdenking legd, dat getragt heeft om slaa„ ven van hier te vervoeren. — Dewijl de ordre om de scheepen na behooren te doen te doene renvratie vande gegeen„ Calfaaten en voorsien voor en al eer packen, en andere comptoiren. goederen werden ingegeeven, ten eijnde door die voorsonge te verhoeden, veroorsaakt werde in het vergeetboek scheynt geraakt teweesen, door dien de opperhoovden te Bimilipatnam soo wel als te Daggernaijkpoe„ ram het voormeld schip packen hebben ingegeeven sonder het zelve behoorlijk te laaten calfaaten &=a; welk versuijm ten deele soo al niet geheel toegeschree„ ren moet werden van diverse daaren afgelaaden ge„ weest zijnde packen hier vooren vermeld: soo is goed„ gevonden en verstaan de beveelen dier weegens gegee„ ven te renoveeren, en de bediendens der onderhoorige factorijen.
English
the 17th of June 1772. to recommend by circular to the factories what is necessary, as well as to renew the order to send overland, along with the duplicate letter, copies of all papers sent per sloops and vessels, especially the invoices, memoranda, and other accounting papers, as was already ordered by a letter from this Government on the 4th of November anno 1770. Lastly, the soldiers Dominicus Lange of Lotharingen and Ian Hendrik Sieg of Hulsburg were promoted to corporals at f 14 each. Furthermore, the following persons were increased in wages: the quartermaster Daniel Palte of Rotterdam from f 14 to f 18 for 5 years; the sailors Bastiaan de Sande of Mazulipatnam from f 9 to f 11 and Ian De Mom of Colombo from f 10 to f 12, on an ordinary engagement of three years; the soldiers Pieter Brugman of Amsterdam from f 9 to f 13, Gerrit Rappe of Cloppenburg from 10 to f 14 on a five-year engagement, and Ian van der Hulst of Amsterdam from f 12 to f 14 for three years. And furthermore admitted into the Company's service: Justinus Andrado, Ioseph Pietersz, and Allexander Iugo, all three from Sadraspatnam, Francisco Molitoor and Andries de Iong, both from Iaggernaijkpoeram, as well as Ioseph Rodrigo of Nagapatnam as sailor at f 9; and Iohannes Spitsenberg and Pieter Hoogland of Nagapatnam as ordinary seamen at f 8; as well as Ian Iochem Fredriksz, also of Nagapatnam, as drummer, with a monthly pay of nine guilders. Furthermore, as soldiers among the Easterners at the customary wage of three rix-dollars per month, the following persons: Oesman of Queda, Allexander de Rosaijro of Malacca, Francisco Castor of Couchiem, Iohan Demenite of Amboina, Iohan De Rosaijro of Nagapatnam, and Iosico Borgio of Nagapatnam. As also, upon the request made by the master of the ship Zeekerlust, Iacob George Meijer, the sailor Pieter Martensz Beddeman of Hoogkarspel was appointed as cook on the aforementioned vessel, provided that the absolute rank and wage pertaining thereto must be requested and obtained from Their Right Excellencies. Thus done and resolved in the Castle at Nagapatnam on the date aforesaid. Signed by all, except Messrs. Koning and Ian Daniel Simons. Thursday the 2nd of July anno 1772, in the morning at eight o'clock. Political Council Meeting held. The separate and general letters prepared to be presented per the ship Zeekerlust to Their Right Excellencies, the Noble High Indian Government, were read, approved, and signed; whereby it was understood that this vessel shall be dispatched as soon as the still missing papers are ready, at the earliest, or at the latest by the day after tomorrow. The Governor having further presented the sentence passed by the Honorable Court of Justice here on the 23rd of June last in the case between the merchant and fiscal of this principal place, Marthinus Koning, acting ex officio as plaintiff, against the chief mate, Carsten Borchers, the boatswain's mate, Alders Michiel Leus, the boatswain, Ian Pietersz Laars, quartermaster, and Ramat, Moorish tindal, all stationed as such on the ship Zeekerlust lying here in the roads, and according to which the first four defendants were condemned to such fines pro fisco and for the poor of the diaconate here, as well as to the sailor Anthonius Cornelius Abelen, who served as cook on the said vessel and who was heard and mistreated by them, together with the trial costs as appears more fully from that sentence and the declarations of costs and accounts annexed thereto, but for the payment of which the said condemned persons, according to the report of the court messenger upon the notice served on them for that purpose, had professed their inability to pay: It is therefore, upon the proposal of the aforementioned Governor, approved and agreed to have the said condemned persons each debited on their accounts for their share of the same, and to authorize the pay bookkeeper here to that end by extract hereof; as well as to refer the church council here, as administering the diaconate or the poor's capital, as well as the said fiscal, the secretary of justice, and the sailor Abelen to Batavia, in order to obtain what was awarded to them by the judge out of the accrued wages of the said condemned persons. Subsequently, the aforementioned Governor presented to the meeting that, pursuant to the resolution of the 17th of December of the past year, on the occasion that the thonij De Jonge Galenus, being no longer capable
Dutch transcription
den 17e' Junij 1772. der de Chiloupen en wegel: verond werdende papieren raals. persoonen factorijen Circulair het noodige aan te beveelen, als als meede van de ord=s weegens de ook te vernieuwen de ordre om van alle de papieren persloepen en vaartuijgen, afgesonden werdende, Co„ pia met de Duplicaat missive overland te sen„ den insonderheijd de factuuren, Memorien en andere papieren van aanreekeningen, gelijk het zelve reeds bij missive deeser Regeering van den 4. ' November anno 1770. geordonneerd is geworden. bevondening van 2. zoldaten te Cop„ Laastelijk wierden de soldaaten Dominicus Lange van Lotharingen, en Ian Hendrik Sieg, van Hulsburg bevorderd tot Corporaails met ƒ 14: ieder. —. verhooging ungagie van veschedene) Wijders in gagie verhoogd de ondervolgende persoonen; als den quartiermeester Daniel Palte van Rotterdam van ƒ14. tot ƒ18. voor 5. Jaaren, de mattroosen Bastiaan de Sande, van Mazulipatnam van ƒ 9. tot ƒ 11. en Ian De Mom van Colombo van ƒ 10. tot ƒ12. met een ordinair verband van drie Jaaren; De soldaa„ ten Pieter Brugman van Amsterdam van ƒ9. tot ƒ. 13. Gerrit Rappe van Cloppenburg van 10. 227 337. den 17. ' Junij 1772. „kek op t schip zekerlin 10. tot ƒ 14. met een vijff Jaarig verband, en Ian van der Hulst van Amsterdam van ƒ 12. tot ƒ 14. voor drie Jaaren; En wijders 'sComp=s dienst g'admit, admissie van vercleden esonen teerd Justinus Andrado, Ioseph Pietersz: en Allexander Iugo, alle drie van Sadras„ patnam Francisco Molitoor en Andries de Iong beijde van Iaggernaijkpoeram, mitsga„ ders Ioseph Rodrigo van Nagapatnam voor mattroos met ƒ 9. en Iohannes Spitsenberg en Pieter Hoogland van Nagapatnam tot Jong, mattroo„ sen met ƒ 8. mitsgaders Ian Iochem Fredriksz: meede van Nagapatnam voor Tamboer, met een maan„ delijkse besolding van Neegen guldens. — Wijders tot soldaaten onder de oosterlingen met de gewoone gagie van drie Rijxdaalders ter maand, de volgende persoonen, als oesman van queda, Allexander de Rosaijro van Malacca Francisco Castor van Couchiem, Iohan Deme„ nite van Amboina Iohan De Rosaijro van Nagapatnam, en Iosico Borgio van Nagapatnam Soo als ook op het gedaan versoek van den schip aan stelling van den matros tot per Leingentating van tetslkeke ter liest afegane brieven na dateuna per van het schip Seekerlust Iacob George Meijer tot kok opgenoemde boodem wierd aangesteld den mattroos Pieter Martensz: Beddeman van Ho„ den Carspel mits de absolute qualiteijt en gagie daar toe staande, van haar hoog Edelens versogt, en verkreegen soude moeten werden. — Aldus Gedaan en Gearresteerd In't Casteel Tot Nagapatnam Dato voorsz: /:was geteekend:/ Door alle /:Excepto:/ M=s Koning en Ian Daniel Simons. Donderdag Den 2=e Iulij A:o 172. smorgens Ten agt uuren Politicque Vergadering Gehouden Wierden geleesen goedgekeurd en geteekend de ingereedheijd gebragte apparte en gemeene brieven om per het schip Leekerlust aan Haar Hoog Edelens de Edele hooge Jndiase Regering aangebooden teever„ den; waarmeede verstaan wierd, dien boodem soo dra den 17e. Junij 1772. de 339 den 2'. July 1772. de nog manqueerende papieren ingereedheijd zullen zijn ten eersten off uytterlijk teegens overmorgen te depecheeren. — Door den heer gouverneur voorts vertoond zynde het vonnis bij den E: agtb: Raad van Iustitie alhier op den 23. ' Junij Jongstleeden geslaagen in de zaak tusschen den Coopman en fiscaal deeser hoofdplaatse Marthinus Koning Fatione officie Eijsscher Con„ tra den opperstuurman, Carsten Borchers, den Alders Michiel Leus Bootsmans Maat, Jan bootsman Ian Pietersz: Laars, quartier meester, en Ramat Moors-Tandel alle als sodanig be„ scheijden op het hier ter rheede leggend schip Zeekerlust, en volgens het welke de vier eerste gedaagdens in sodanige boetens profisco en Diaconij armen alhier, mitsgaders den door haar gehoorden en qualijk behandelden mattroos Anthonius Cornelius Abelen die den dienst van kock op gemelden boodem waargenoomen heeft, gecondemneerd zijn, neevens de proces ongelden als bij dat vonnis, ende aan het zelve g'annexeerde Declaratien van kosten en Reekeningen nader„ Koomen opgelegde Hboetender op reecq: te belasten daartoe. Jnkoop van een pantjalling voor dE: Comp: koomen te blijken, dog tot welkers betaaling gedagte Gecondemneerdens volgens het Relaas van den geregts boode op de aan haar ten dien gedaane insinuatie, haar onvermoogen betuijgd hadden: besluijt degeondemerd: word soo is op de propositie van welmelde heer Gouver„ neur goedgevonden en verstaan gedagte gecondem„ neerdens ieder voor sijn aandeel daar voor haar n quilisiatie van den blij eke Recquening te laaten belasten, en daar toe den zoldij boekhouder alhier bij Extract deeses te qualificeeren, mitsgaders den kerken Raad al„ hier, als het diaconij of het armen Capitaal administreerende; mitsgaders gedagte fiscaal den secretaris van Iustitie en den mattroos Abelen naar Batavia te renvoijeeren, om het toegeweesene aan haar door den Regter, uyt de te goedgemaakte gagien van gedagte gecondem„ neerdens te erlangen. — Vervolgens Helde welmelde heer Gouverneur de vergadering voor dat ter Resolutie van den 17:' December des gepasseerden Iaars bij geleegent„ heijd de thonij de Ionge Galenus als niet meer den 2 ' Julij 1772. kunnende
English
341. the 2nd July 1772. and for what reason. being able to sail, had been laid up to be sold, it having been decided to request Their High Excellencies' permission to build another vessel, His Honour therefore assuming and considering it certain that permission would also be granted for it, because of the proposed necessity that such small vessels could not well be spared; as being of very great convenience, both in the speedy back-and-forth transport of goods, and the facility that exists to bring such small craft in and out over all the rivers; Yet, considering that the construction of the same here, as well as at Narsapoer where the thonij De Johanna Maria was also built, will take much time, at least six to eight months, due to the lack of the timber required for it, especially here, should the ships not bring a sufficient quantity of timber from Batavia, whereby, having already laid the vessel on the stocks, one would have to proceed to the expensive purchase of the same in order the 2nd July 1772. continuation to get it completed, or else leave it until the following year for a further supply of timber, to prevent all of which His Honour deemed it best to buy a vessel, as His Honour had found an opportunity to do so, with a vessel built here brand-new in the manner of a pantjalling, being, according to the report of the inspection made of the same by the overseer of the works and Master of Equipage here, the Junior Merchant Peraculus Mossel, and Chief Mate Jacob Hartman, long overall 56, broad at its waterline 14, and deep to the deck beams 7 ¾ feet; together with being lined inside, and with a doubling, and furthermore the deck provided with 2 pumps and windlass, item with a new European rigging, and the sails made of both European and native canvas, further staunchly and strongly built, and could carry about 90000 lb weight or 2500 parras of paddy, and was appraised by some ship carpenters 343. the 2nd July 1772. further continuation. at over 1200 pagodas, to which the aforesaid commissioners add that the construction of such a vessel at the shipyard here would come to cost 1800 pagodas, namely the hull alone, without the rigging, etc., counted therein, but all of which, on the contrary, is found with the aforesaid vessel, besides two anchors, both of the weight of 870 lb, and two ditto cables of 9 inches each, together with all other equipment belonging to a vessel, and according to an account and inventory submitted by the owner, would cost no more than old pagodas 1303.–.65, or ƒ5863.13.—, thus ƒ1000.12.8 more than the aforesaid thonij the Johanna Maria amounts to, yet notwithstanding that greater cost, it nevertheless came out cheaper than the thonij aforesaid, which was provided with neither doubling nor a fixed deck, not counting the additional rigging and equipage necessities with which the aforesaid vessel was better and more sufficiently provided: so, upon the further proposal of the Lord Governor, it has been approved and agreed the 2nd July 1772. decision to hand to the skipper of the ship Zeelust a copy of the placard concerning the opened trade to desist from the construction of a vessel for the account of the Honourable Company, and instead to purchase the aforesaid craft for the aforementioned stated amount of old pagodas 1303.–.65. Whereupon the said Lord Governor further pointed out to the members that, since the skipper of the aforesaid ship Zeelust, George Jacob Meijer, had already departed from Batavia before the enactment of the placard concerning the private trade opened to the servants and other residents of the Honourable Company, he therefore has no knowledge of the contents of the said placard; His Honour therefore deemed that he ought to be provided with a copy of the same, so that he may know how and by what he must regulate himself in that regard; both concerning the permitted sea chests of the ship's company, and that which should be shipped for the account of private individuals; in order that no mistakes be committed in that respect, nor any infractions take place regarding the terms and stipulations made 345. the 2nd July 1772. ship Zeelust in that regard by Their High Excellencies, the Honourable High Indian Government: so, the proposal of the well-mentioned Lord Governor having been approved, it was resolved and agreed to hand a printed copy of the aforesaid placard to the said skipper, and to order him to regulate himself strictly according to it. The soldier Johan Christoffel Westheere, a native of Gütersloh, having for some time performed the duty of provisional corporal, was absolutely confirmed in the same, with the granting of the salary standing for it of fourteen guilders per month; and furthermore, the Moor Niemoed of Bengal was taken into service as a Moor sailor, to serve as such under the crew of the Sarang Ramjanie on the aforesaid ship Zeelust, and to advance four months' wages to him. Thus done and decreed in the Castle at Nagapatnam, date as aforesaid. Signed by all. Thursday
Dutch transcription
341. den 2e: Julij 1772. en om wat reeden. kunnende vaaren afgelegd was, om verkogt tewerden. beslooten zynde haar hoog Edelens permissie te ver„ soeken, tot het aanbouwen eener ander vaartuijg, zijn Edele dus vermeenende en vast stelde daar toe ook permissie verleend sal werden, om de wille van de voorgestelde noodsaakelijkheijdt tot diergelijke kleijne vaartuijgen niet wel gemist konde werden; als van seer veel gerief weesende, soo in het spoedig over en weeder brengen van goederen, als de facili„ teijt die 'er is, om diergelijke kieltjes over al de Revieren te kunnen in en uijtbrengen; Dog ge„ merkt het aanbouwen van het zelve alhier soo wel, als op Narsapoer daar de thonij De Ja„ hanna Maria meede geboud is, veel tijd ten minsten ses â agt maanden aanloopen zal, door gebrek van de daar toe benodigende houtwer„ ken, Jnsonderheijd alhier, zoo de scheepen geen genoegsaame houtwerken van Batavia aan„ brengen mogten, waar door men dan het vaar„ thuijg reeds opstapel gesteld hebbende, tot den duuren in koop derselve zoude moet treeden, om het den 2'. Julij 1772. vervolg het vollooijd te krygen, dan wel tot het volgende Iaar tot nader ontset van houtwerken, te laaten leggen, om al het welke voorte koomen zijn Edele vermeende het beste teweesen om een vaarthuijg te koopen, gelijk zyn Edele daar toe occagie te vooren gekoomen was, met een alhier splinter nieuw, bij wijse van een Pantjalling aange„ bouwt vaartuijg, sijnde volgens het Rapport der gedaane visitatie van het zelve door den opsiender der werken, en Equipagiemeester alhier, den ondercoopman Peraculus Mossel en opper„ stuurman Iacob Hartman, lang over Heeren 56. , breet bij zijn uijtwaatering 14. en diep tot de dekbalken 7. ¾. voeten; mitsgaders van binnen geweijgerd, en met een verdubbeling, en voorts het dek met 2. pompen en braad„ spil Jtem van een nieuw Europas Tuijgagie 1 voorsien, en de zeijlen soo van Europas als Jnlands zeijldoek gemaakt, wijders hegt en sterk gebouwt en omtrend, 90000. lb: gewrigt of 2500. parras nelij laa„ den konde, mitsgaders door eenige scheeps Timmer„ lieden. 343. den 2e: Julij 1772. naeder vervolg. lieden op Ruijm 1200. pag: getaxeerd was, waar bij voor„ melde gecommitteerdens volgen, dat het aanbouwen van een diergelijk vaartuijg op de Timmerwerf alhier, op 1800. pag: soude testaan koomen, teweeten de Romp alleen, sonder het tuijg &=a daar onder gereekend, dog al het geen daar en teegen bij het voorsz: vaartuijg„ buyten nog twee ankers beijde ter swaarte van 870. lb: en twee dito Touwen van 9. duijm ieder, mits„ gaders alle andere gereedschappen die tot een vaartuijg gehoorden, te vinden zijn, en volgens een door den eij„ genaar overgegeevene Reecquening en Inventaris niet meer kosten soude dan oude pag: 1303. –. 65. of ƒ5863. 13. —. oversulx ƒ 1000. 12. 8. meerder dan de voorsz: thonij de Iohanna Maria bedraagd, dog ongeagt die meerdere kostende egter beeter koop quam te staan dan de thonij voormeld, die van geen verdubbe„ ling nog vaste deck voorsien was, ongereekend de meerdere tuijgagie en Equipagie noodwendigheeden, waar van het voormelde vaartuijg beeter en suffi„ santer voorsien was: soo is op de verdere voorstel van den heer Gouverneur goedgevonden en verstaan van den 2'. Julij 1772. bestuyt omden scheppen gertut schip Lee„ herlust een Exemplair van de plagcaat van den opengestelde handel ter hand te stellen van het aembouwen eener vaartuijg voor Reecque„ ning van dE: Comp=s aftesien en daar en teegen het voorsz: bodempje voor het voormelde opgegeeven bedraa„ gen van oude pag: 1303. –. 65. intekoopen. — Waarna gedagte heer Gouverneur alverder de Leeden vertoonde dat vermits den schipper van het voornoemd schip Leekenrtust, George Iacob Meijer reeds voor het Emaneeren van het placcaat weegens de open„ . gestelde particulieren handel voor de Dienaaren en andere ingeseetenen der E: Compagnie van batavia vertrocken zijnde, dus geene kennisse heeft van den inhoud van het gemelde placcaat; dierhalven zijn Edele vermeende denselven van een Excemplaar derselve diende voorsien te werden, op dat hij wee„ ten kan, hoedanig, en waar na zig daaromtrend reguleeren moet; soo ten belange van de gepermit„ teerde kisten der scheepelingen, als het geene dat voor Reecquening van particuliere versonden zoude werden; ten eijnde daar omtrend geen mesusen begaan werde, nog eenige overtredinge plaats hebbe, ten opsigte van de bepaalingen en stipulatien door haar 345. den 2e. Julij 1772. 1. schip zeekerlin haar hoog Edelens de Edele hooge Indiase Regee„ rong dien aangaande gemaakt: soo is de propositie van welmelde heer gouverneur g'applaideerd zijnde, goedgevonden en verstaan gedagte schipper een ge„ drukt Excemplaar van het voormelde placcaat ter hand te stellen, en hem te gelasten, sig daar na stept te reguleeren. —. Den zoldaat Iohan Christoffel westheere „ aanteling van een Eld=t te Copl man van Gusterlo 't zeedert eenigen tijd den dienst van Corporaal p=l waargenoomen hebbende, wierd den„ selv en daar in absolut bevestigd, met toelegging van de daar toe staande besolding van veerthien guldens termaand; en wijders den moor Niemoed van Ben, amissi van den oe orte metts sos gale als moors mattroos in dienst genoomen, om als sodanig onder de ploeg van den Sarang Ramjanie op het voormelde schip zeekerlust dienst te doen, en aan denselven viermaanden gagie op hand te verste „ oor et eleng e on ken. — Aldus Gedaan en Gearresteerd Int Casteel tot Nagapatnam dato voorsz: /:was geteekend:/ Door alle. — Donderdag #