VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3364

Japan · 931 pages · 397 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3364_0718 view scan ↗

English

453 From Java's East Coast, the 28th of August 1723. From Java's East Coast, the 28th of August 173. dealer and complaining tenant at Tagal, because the supplier generally spends the moneys they receive for their goods on other commodities, and besides this opens the way to know from time to time what occurs and transpires in those districts, of which Pangerang Aria Mancoenagara is wedono and his son-in-law is regent, which have practically been closed to us. Two of the band of cramans, by name Soeto Wongso and Si Bongso, who recently invaded the Tinkelsewoe area, and after the failure of their undertaking had taken refuge with Pangerang Aria Mancoenogora, but were surrendered by him upon the first demand, have been handed over to me by the emperor after leaving it to my choice to send them away or have them fight against the tiger; and likewise two brothers named Radien Merto Djoijo and Seradin, who are said to be descendants of the Malang or Surapattij family, together with the regent of Tranaoog, Soevo Brotto, not only because he had kept the aforementioned two brothers hidden against the prince's explicit prohibition against sheltering anyone of that family, and had even let the former marry his wife's sister, but also because in the past before Java, with the copy translation letter following below under L:a D:, he had inquired of the Company's Ingabij Poespo Hogoroo at Bangil regarding the state of the rebels, and, as if in the name of the emperor, yet completely without his knowledge, order, or foreknowledge, had requested to provide two of his emissaries with guides further into the Balemboang area to take note of matters there up close. I shall take the liberty to send these five persons at the first shipping opportunity and under security to be at the disposal of Your High Nobles. In the Soura Carta trade books there has been running within lines since 174 7/7, with ƒ 878: 6:—: for 26 pairs of grenadier guns lent to the late Soesoehoenang Pacoebeana the Second upon the presence of His Excellency Van Imhoff, late memory, two at 455 From Java's East Coast, the 28th of August 172. From Java's East Coast, the 28th of August 172. at Carta Soera: the emperor knowing nothing of restitution or payment through chief Van Straalendorf, and having requested me that he might also not be held liable for the same; and thus respectfully submitting this matter together with the prince's request to be accommodated against payment with 150 to 200 musketeer flintlocks to Your High Nobles, I most humbly request authorization, because that debt is so old and the emperor professes never before to have been dunned for it, to allow the item of the aforementioned 76 pieces of grenadier flintlocks to be finally removed from the books, and to accommodate the prince with one hundred musketeer flintlocks, which I think will be sufficient, at least for the time being, and which, if it pleases, may be sent hither from the capital. Upon my presence at Soura Carta, and after my return here on the 18th of July and 13th of this month, having had the honor to receive Your High Nobles' respected separate letters of the 26th of June and 28th of July, I take the liberty in reply to convey the emperor's compliment of acknowledgement for Your High Nobles' decision to banish his brother Pangerang Danoe Poijo and nephew Radeen Merto Sono to Ceilon, as well as the dismissed regent of the realm Mancoeprodjo to Banda, and to report that I have not been able to induce the prince to furnish anything for their maintenance, as he considers himself not held or obliged thereto; and because it would sometimes only serve as a deterrent in the future against surrendering such dangerous subjects to the Company in good time for the preservation of general peace, I have, subject to Your High Nobles' favorable approval, deemed it as little advisable to insist strongly on that as to investigate under which of the princes the three craman women handed over to the Sultan previously actually belonged, since through that investigation I would apparently only awaken the emperor or his grandees, who do not seem to know of these women, at least do not care about them, and the Sultan would also draw no compliment consequences from it.

Dutch transcription

453 Van Iavasoost cust Den 28:' Aug:s 1723. — Van Iavas oost kust den 28: Aug=s 173. — „delaar en klagende pachter te Tagal, dewijl de Leveran„ „cier doorgaans de penningen die zij voor hunne goederen ontvangen, doch in andere waaren besteeden, en het buiten dien de weg opend om van tyd tot tyd te weeten wat in die districten, van dewelke pangerang Aria Mancoenaga„ „ra wedono en zyn schoon zoon regent is in die genoegzaam voor ons zijn geslooten geweest voorvald en passeerd. Twee van de bende Cramans in name Soeto wongso en Si Bongso, die jongst het Tinkelsewoesche geinva„ deerd, en na de mislukking hunner onderneming schuil„ plaats bij pangerang Aria Mancoenogora genomen had„ „den doek door hem op de eerste vordering afgestaan zijn heeft den keijzer na in mijne keuse gelaten te hebben, om hun te verzenden of tegen de Tijger te doen worstelen; aan mij overgegeven en zoo mede Twee Broeders genaamd Radien Merto Djoijo en Seradin, die gezegd worden nog afstammelingen aan de Malangsche of Surapat„ „tijsche familie te zijn nevens den regent van Tranaoogs. soevo Brotto, niet alleen, om dat deeze de opgemelde twa broeders tegens des vorsten nadrukkelijk verbod, om niemand van die familie schuilplaats te geven verboo„ „gen gehouden en den eersten zelfs met zijn vrouws sus„ „ter hadt laten trouwen, maar ook om dat hij in het ge„ passeerde voor Jaaa, met de onder L:a D: deezen na„ „zellende Copia Translaat briev, zich bij s Comp Ingabij Poespo Hogoroo, te Bangil, na den staat der Re„ „bellen geinformeerd, en, als uit naam van den keijzer, doel finaal buiten zijn weeten, ordre of voor kennisse, ver„ „zogt hadt Twee zijner sendeling, weg wijders naar het Balemboangsche mede te geven om van na bij de zaaken daar op te weemen. Ik zal de vryheid ge„ „bruiken deeze vijf perzoonen bij eerste scheeps gelegent„ „leid en verzeekering ter dispositie vwer Hoog Edel„ „heden op te zenden. Bij de soura Cartasche negotie boeken loppen see„ dert 174 7/7. binnens lijns, met ƒ 878: 6:—: voort 26. p„r granadidas geweeren aan wijlen den soesoehoe„ „nang Pacoebeana de Tweede terleen afgegeven bij aan zijn van zijn Excellentie aan Imhof /: L: M:/ twee te 455 Van Iavas oost ust den 28. Aug=s 172. Van Iavas oost Cust Den 28: Aug=s 172. te Carta Soera: De keizer door het opperhoofd van straalendorf tot de restitutie of betaaling niets te wee„ „ten, en mij verzogt dat hij ook voor dezelve niet aan„ spreekelijk mogt gehouden worden, en dus die instantie nevens des vorsten versoek om tegens betaaling met 150 â 200 musquettiers snaphaanen geriefd te worden vwer Hoog Edelheden Eerbiedig voordraagende verzoek ik nedrigst qualificatie om de wijl die schuld zoo oud is, en de keijzer betuigd en nooit bevoorens om aange„ maand te zijn de post aer voormelde 76 p:s granadier snaphaanen finaal uit de boeken te mogen laaten, en den vorst gerieven met Een Honderd misquittiers snaphanen, die ik denk voldoende, ten minsten voor eerst zullen zijn en dewelke, in Hteere ik, van de hoofd plaats herwaarts mogen gesonden worden. Bij mijn aan zijn te soura Carta, en na mijn terug komst hier of op den 18 Juli en 13: deezer de eere gehad hebbende te ontvangen vwer Hoog Edelheden gerespecteerde aparte missives van den 26: Junij en 28 Julij neme ik de vrijheid daar op in antwoord, des keizers Compliment van aankzegging af te leggen, voor vwer hoog Edelheden besluit, om zijn broeder pangerang da„ „noe Poijo en Neef Radeen Merto sono naar Ceilon, mits„ gaders den gedimoveerden Rijks bestierder Man Coepro„ „djo naar Banda te relegeeren, en te melden, dat ik den vorst niet hebbe kunnen disponeeren iets tot hun onder„ houd te fourneeren als meenende daar toe niet gehou„ den of verpligt te zyn, en dewijl het somwijlen maar ten afscherik strekken zoude, om in het vervolg diergelij„ „ke gevaarlijke subjecten tijdig aan de Compagnie tot Con„ „servatie der algemeene rust over te geeven heb ik onder ower hoog Edelheden gunstig weldueden, het zoo min raadsaam g'oordeelt daar op sterk aan te dringen, als om te onderzoeken onder wien der vorsten de aan den sulthan overgegeven drie Cramans vrouwen, bevoorens Eigentlijk hebben gehoord, alzoo ik door dat onderzoek den keijzer of zijne hofsgrooten, die van deze vrou„ „wen niet schijnen te weeten, ten minsten en zich niet aan gelegen laaten leggen apparent maar wakker maaken zoude en den sulthan er doeh ook geen Compliment Consequentien

NL-HaNA_1.04.02_3364_0720 view scan ↗

English

457. From Java's east coast the 28th of August 1772. — From Java's east coast the 28th of August 1772. — can extend consequences in his favor, considering the surrender, at his special request as I informed the prince in my letter accompanying those women, only took place in order not to leave unanswered from the Company's side his good intention and benevolence in the pursuit and destruction of the kramans. The intercepted Arabic letters for the emperor, the sultan, and for Pangerang Ario Mangoen Negoro have, together with the goods belonging thereto, been destroyed in accordance with Your High Excellencies' pleasure, and the envoys of Bali's petty king Gusti Moera have been permitted to purchase two instead of 15 vessels, while I express my gratitude for the consideration Your High Excellencies have been pleased to give to my nomination in favor of Raden Ario Tjokrodipoera as regent of Pamekasan and to have the islands Kangean, Sapudi, Sampang, and Gilingan again subordinate to Sumenep just as before, the new regent of Pamekasan not having been installed yet because the bupati along with the regalia belonging to the regency have not yet been sent hither from the eastern salient. In order to respond to the order given by Your High Excellencies regarding Balambangan and the disturbances in that district by separate letter of the 26th of June, as far as its late receipt and my absence from Semarang permitted, I, while sending an extract of that esteemed letter to the administrator Lezac himself, demanded of him by letter of the 21st of July how to comply with it while maintaining the arrangements corresponding therewith, which were already made upon my earlier letter and since graciously approved by Your High Excellencies in the latest separate letter of the 28th of the aforementioned month, for undertaking a new expedition against the rebels, more formidable than any of the previous ones, for which I also, or rather for the furnishing of men, presented Your High Excellencies' desire to the prince of Madura, besides the regents of Sumenep and Pamekasan, 459. From Java's east coast the 28th of August 1772. From Java's east coast the 28th of August 1772. — and which was followed by the sending of 3422 head of new auxiliary troops to Panarukan according to the latest reports (excluding the baggage carriers, who must not be fewer, as the prince claims to me to have furnished a total of 5226 warriors and battons alone) to advance by land to Balambangan alongside about 70 European soldiers under the ensigns Miecop, Dijkman, and Ostrouski, and to which have also since been added 1 to 2 companies in the eastern salient and one company recruited here and around here in Surakarta of easterners, together with 25 Europeans from the Semarang garrison commanded thereto after my return from the courts; for since the 100 warriors promised by Your High Excellencies, alongside a captain and other officers, have not yet arrived up to the writing of this, it has not been possible for me to send off more Europeans, as in the middle of this month there were already 89 soldiers short of the fixed number determined for this coast in time of peace; but of the 20 sailors landed with the Quiteveld, 10 along with two surgeon's mates have been sent directly on to Surabaya. That I took timely care of the provision of war ammunition and the gathering of provisions for the planned new expedition will, I hope, have been apparent to Your High Excellencies' satisfaction from the copy, sent over alongside the previous letter, of my separate letter to the administrator Liezac of the 9th of June, and the requisitions made from there since having almost all been completely fulfilled, together with the ammunition and artillery goods sent with native vessels and cruising mayang prahus to make the greatest speed, as well as the sloop Semarang with the homeland provisions unloaded therein at the main place, item the 30 koyans of rice also shipped therein among other things having arrived well in the eastern salient, there must, according to the assurance from there, be a plentifully sufficient supply of everything for two months. I hope that soon the affairs in the Balambangan district will reach the long-desired end and I hope that when finally the reports from the field of the enemy's

Dutch transcription

457. Van Iavas oost kust den 28. Aug:s 172. — Van Iavas oostkust den 28: Aug=s 1772. — Consequentien in zijn voordeel uit strekken kan gemerkt de overgave op zijn speciaal verzoek zoo als ik den vorst bij mijn briev ten geleide van die vrouwen heb te kennen gegeven, alleen is geschied, om zijn goede intentie en welmenendheid in de agterhaling en ver„ delging der Cramans van sComp:s zijde niet onbe„ „antwoord te laaten. De onderschepte Arabische brieven voor den keijzea den sulthan en voor Pangerang Atie Man Coena„ „goro zijn met de daar bij gehoorende goederen inge„ volge vwer Hoog Edelheden wel behagen vernietigd en aan de sendelingen van Balijs koningje Gustij Moera is den inkoop van Twee in steede van 15: vaar„ tuigen gepermitteerd in tusschen dat ik mijne dank„ baarheid af te legge voor de reflectie die uwer hoog Edelheden hebben gelieven te slaan op mijn voor„ „dragt in faleur van radeen Aria TjaCradipou„ ra tot regent van Pama Cassang en om de Eilan„ den Cangiang Sepoedie Sampandjang en gelegen„ „ting even als bevoorens weder te doen sorteeren onder Sumanap zijnde den nieuwen Regent van Pamacassang nog niet ginstal„ leerd uit hoofde dat men uit den oosthoek den bepatty met de ordiamenten tot het regentschap gehoorende nog niet herwaarts opgezonden heeft. Om aan de door uwe hoog Edelheden, met betrekking tot balembrangang ende onlusten in dat district gegeven ordre bij aparte missive van den 26: Junij zoo veel dies laaten ont„ vangst en mijn afweezigheid van Samarang toegelaten heeft te beantwoorden, heb ik, onder toezending van Extract uit dat g'eerde schrijven zelfs aan den gezaghebber Lezac hem bij briie van den 21 Julij gedemandeert, hoe daar aan te voldoen met standhouding van de daar mede over een komende op mijn vroeger schrijven toen ook reeds gemaakte en sedert doen uwe hoog Edelheden bij Jongste aparte van den 28: der evengenoemde maand gratieus goedkeurde arrangemen„ „ten tot het ondernomen eener nieuwe Expeditie tegen de re„ bellen redoutabelen dan eene der voorige, waar toe ik ook, of eigentlik tot het faurneeren van volk den prins van Madura nevens de Regenten van Sumanap en ting Sama Cassang 459 Van Iavas oost kust den 28: Aug:s 172. Van Iavasoost kust den 28. Aug=s 172. — Pama Cassang oer hoog Edelheden begeerte hebbe voorgehou„ den en op gevolgd is dat er volgens de Jongste berigten 3422. koppen nieuwe hulptroupen /: buiten de draag volkeren die niet minder moeten zyn alzoo den prins mij Meijst alleen 5226 krygers en Battoons te zamen te hebben geconrneerd:/ naar Panaroekan afgezonden waaren om nevens groote 70 Euoopeeshe militairen onder de vendrigs Miecop Dijk„ man en ostrouuwskij over Land naar Balembrangang op te rukken en waar bij sedert ook nog zullen gekomen zyn 1. a 2. Compagnien in den oosthoek en een Compagnie te sou„ „racarta hier en hier omstreeks aangeworven oosterlingen mitsg:s 25 Europeeschen uit het samarangsche guarnisoen na mijn te rug komst van de hoven, daar toe gecomman„ deert want de door uwe Hoog Edelheden beloofde zoo krijgers, nevens een Capitain en andere officieren tot onder het schrijven deeses nog niet aangekomen zijnde in het mij niet mogelijk geweest meerder Europeesen afte„ „zenden alzoo er medio deezer alweder 89 soldaaten ge„ manqueerd hebben aan het in vreedens tyd bepaalde vast getal voor deeze kust; maar van de met Quite„ „veld aangelande 20 matroozen heeft men en direct 10 ne„ „vens Twee ondermeester naar Sourabaija voortgezonden. Dat ik in tijds bedagt geweest ben op de bezorging van krijgs ammunitie en het bij een brengen van revoes voor de be„ „raamde nieuwe Expeditie, zal hoop ik uwer Hoog Edelheid tot genoegen gebleeken zijn, uit nevens vorige overgezonden Copia mijns aparte brief aan den gezaghebber Liezac van den 9 Iunij ende sedert van daar gedaane Eisschen genoeg„ zaam alle Compleet voldaan, mitsgaders de om de meeste spoed te maaken, met Jnlandsche vaartuigen en kruisprauw„ „maijangs afgezonden Ammunitie en arthilleaij goederen zoo wel als de sloep samarang met de daar in ter hoofd plaatze afgeladen vaderlandsche provisien, item de onder meer hier daar in ook afgescheepte 30 koangs rijst in den oosthoek wel aangekomen zijnde, moeter van alles volgens de verzeekering van daar, een ruim toerijkende voorraad voor Twee maanden zijn. Ik hoop dat eerder de zaaken in het Balemboang„ „sche het zoo lang geweeste linde krijgen zullen en ik meer dat als ook Eindelijk eens de berigten van daar van der veld vijanden

NL-HaNA_1.04.02_3364_0722 view scan ↗

English

461. From Java's east coast, the 28th of August 1772. — From Java's east coast, the 28th of August 1772. — the strength and condition of the enemy contain the truth, the prospect for it is favorable, especially now that the death of the presumed Pangeran Wilis and several of the rebels' lesser chiefs is confirmed, and it is believed that the Balinese no longer concern themselves with them in the least, while through the destruction of several more villages, paddy and corn fields, as well as salt pans, famine had finally gained the upper hand, and the mortality from lack of subsistence is also said to be so great that in Bayu they were no longer able to bury the dead, furthermore several, pressed by necessity, came to surrender. Beyond the aforementioned arrangements, and what I have further mandated to the administrator Luzac regarding this difficult matter—as appears from the letters exchanged with him since my respectful last letter of the 5th of July, and enclosed herewith in copy with the annexes under letters O and P—and what has been carried out by him, I, based upon Your High Nobilities' declaration of not being disinclined to put an end to the existing disturbances by amicable means, and because my absence from here prevented me from personally complying directly with your highest instructions thereto, also wrote to administrator Luzac in a separate letter of the 21st of July to provide me, however, without delay or suspension of the work and the planned formal attack on Bayu, with his thoughts on whether it might be possible to settle amicably with the rebels, and if so, how and what means should further be employed to that end; but the frequently mentioned administrator having answered by his letter of the 29th of July that the rebels would probably perish in their own evil obstinacy or otherwise could certainly be brought to reason by force of arms (meaning the projected force), and in his opinion gentle remonstrances would only make them bolder and more stubborn, I therefore, and because I could not carry out the commission assigned to me any further without suspending the already too far advanced work of the expedition, 463. From Java's east coast, the 28th of August 1772. — From Java's east coast, the 28th of August 1772. — found myself obliged to await the outcome of the formal attack to be carried out shortly on Bayu according to the plan, which I hope will be honored with Your High Nobilities' approval. The Captain of the Chinese here, Ian Lecko, hereby expresses through me his gratitude for Your High Nobilities' favorable decision regarding the remission of the lease sum amounting to 4,800 Spanish reals or 6,000 rijksdaalders for this current year of the import and export duties, the bird's nests, mother-of-pearl shells, and trepang at Balambangan, Lumajang, Malang, Panarukan, and the island of Nusa, while he has been notified that he will have to continue in those leases until the end of this year, when the term is also due to expire, in order to prevent as much as possible their falling entirely into ruin. The Madurese Raden Tumenggung Jayanegara, son of the late Panembahan begotten with Raden Ayu Ceylon, having departed about two months ago from Madura to Surabaya without the foreknowledge and permission of the Pangeran or myself, and having since stayed there with his father-in-law, the former First Regent Condronegoro, administrator Luzac, in a letter of the 7th of this month, presented to me his request not to return to Madura, but to be allowed to remain in Surabaya or elsewhere under the Company's protection; but since the Pangeran of Madura, no less than the administrator, had not given me any prior notice thereof, I expressed my astonishment about it to the former, and asked both of them for the reason for the Raden's estrangement and dissatisfaction toward the prince; and because Senior Merchant Luzac states in his latest letter of the 19th of this month that he had not yet had an opportunity to confer with the Pangeran on this matter, considering that long delay in matters of this nature can often have detrimental consequences, I wrote to him to notify Raden Tumenggung Jayanegara that he should immediately proceed with his retinue either back to Madura or hither, in both cases under trusted surveillance and supervision to prevent him from taking any wrong course.

Dutch transcription

461. Van Iavas oostkust den 28: Aug:s 172. — Van Iavas oost kust den 28: aug=s 172. — vijanden sterkte en toestant de waarheid inhouden het voor„ uitzigt daar toe favorabel is voor al nu de dood van den gewaarden pangerang willes en verscheide van der Res„ „bellen mindere hoofden word geconfirmeerd en men wil dat de baliers zich hunner in het minst niet verder aantrekken terwijl door het vernilen van nog verschei„ „de Negorijen, padij- en Jagong-velden item zoutpannen de hongers noodt de overhand finaal genomen had, ende sterfte door gebrek aan levens onderhoud ook zoo groot zoude weezen, dat zij in Baijoe niet meer in staat waa„ „ren de dooden te begraven, mitsg:s en verscheiden door nood geperst haar kwaamen onderwerpen. Buiten de voormelde arrangementen, en wat ik verder omtrent deeze verdrikge materia, blijkens de sedert mijne Eerbiedige Jongste van den 5: Julij, met den gezaghebber Laizac gewisselde, en in Copia nevens dies bij„ „lagen onder Ldao Een P: deezen verzellende brieven den zel„ „ren in mandatis gegeven hebbe, en door hem is verrigt heb ik op fundament van vwer Hoog Edelheden verklaa„ „ring van niet ongenegen te zijn door eenen minnelijken wegeen binde te maaken van de subsisteerende onlusten en de wijl mijn absentie van hier mij buiten staat stelden om zelf direct te voldoen aan hoogst derzelver voor schrift daar toe, aen gezaghebber Luzac ook bij aparte van een 21 Juli aangeschreeven om mij eehter, zonder vertraging of opschor„ „ting van het werk, ende voorgenomen formeele attacque op Baijoe te suppediteeren zijne gedagten of het niet moge„ „lijk zoude zijn met de Rebellen in het vriendelijke te assopieeren en zoo ja: hoe en wat middelen hij meer„ der dat daar toe zouden dienen in het werk gesteld te worden maar door dikwerf genoemden gezoghebber bij zijn briev van den 29 Juli geantwoord weezende, dat de Rebellen owaarschijnelijk in hun Eigen kwaaren hardnekkigheid zouden omkonden of anders door kragt van wappenen /:meenende de geprojecteerde magt:/ wel tot reden te brengen zullen zyn en zijn eragtens zagte vertogen hen stouter en Hartnekkigen zoude maaken, heb ik daarom en om dat ik de my op gedraa„ „gen Commissie met verder ter Executie leggen konde zon„ „der het reeds te verre gevorderde werk der Expeditie weg 463 Van Iavasoost kust den 28: Aug=s 172. — Van Iavas oostkust den 28. Aug=s 172. — op te schorten, mij verpligt gevonden den uitslag dir ingevolge het plan eerst daags te doene formeele attacque op Baijoe af te wagten 't geene ik hoop dat door w: hoog Edelheden met goedkeuring zal worden vereerd. Den Capitain der Chineesen alhier Ian Lecko betuigd bij deezen door mij zijnen dank, voor vorer hoog Edelhe„ „den gunstige dispositie tot renus der Pagtschat gooot 4800 - sp:s realen of rd:s 6000. - voor dit loopende Jaar van de in en uitgaande regten, de vogelnesjes Paarlscheeven en Tripaings te Balemboangang Lamadjang, Malang, Panaroekan en 't Eiland Hoessa, terwijl hem aangezegd is dat hij tot het uit Einde van dit Jaar wanneer aen ter mijn teffens staat te Expireeren, in die pagten zal moe„ ten blijven Continueeren, om zoo veel mogelyk is voor te komen dat dezelve niet geheel te niet loopen. Den madurees Radeen Tommorgong Saja Di„ ningrat zoon van wijlen den Panembahan geteeld bij de Radeen Aijoe Ceilon, buiten voorweeten en permissie van den Pangerang of van my, zich al voor Circa twee maanden van Madura naar Sourabaija begeven, en hem daar sedert bij zijn schoonvader den gewee„ sen Eersten Regent Tjondro Nogoro opgehouden hebbende heeft den gezaghebber Luzac bij briev van den 7: deezer mij voorgedragen zijn verzoek om niet weder naar maduca te rug te keeren maar te sourabaija of elders onder sComp:s protectie te mogen blijven, dan nadien den pangerang van Madura, zoo min als den gezaghebber mij daar van be„ „voorens eenige kennisse gegeven hadt, heb ik den eersten mijn verwondering daar over betuigd en van hun beide de reden van des Radeens verwijdering en ongenoegen tegen den prins gevraagd, en om dat den opperkoopman Lukac bij zijn jongste brief van den 19: deezer zegt, dat hij nog „geen gelegentheid gehad hadt den pangerang over deeze zaak te onderhouden uit Consideratie dat lang uitstel insaaken van die natuur dikwils nadeelige gevolgen hebben kan, hem aangeschreeven om radeen Tommon„ gong Jaja Diningrat aan te zeggen dat hij zich ten Eersten met zijn gevolg of naar Maaura terug of her„ „waarts zoude hebben te begeeven in beide gevallen onder vertrouwd op en toezigt ter voorkoming dat hij geen ver begeven keerden

NL-HaNA_1.04.02_3364_0724 view scan ↗

English

From Java's northeast coast, 30 August 1772. From Java's northeast coast, 28 August 1772. turns into the wrong path when he arrives here, I shall investigate his case, and at the next opportunity I shall not fail to inform Your High Excellencies of the outcome. I venture, with the purest sentiments of true high esteem and respect, to call myself, below stood, Right Honorable, Stern, Highly Esteemed Lord and Honorable Gentlemen, lower, Your High Excellencies' most humble and most dutifully faithful servant, was signed, J. R. van der Burgh, in the margin, Samarang, 28 August 1772. The Susuhunan Pakubuwana Senapati Ingalaga Abdul Rahman Sayidin Panatagama, holding court at Surakarta Hadiningrat, the Honorable Esteemed Mr. Johannes Robbert van der Burg, Governor and Director on behalf of the powerful Dutch East India Company over Java's Northeast Coast, and Pangeran Adipati Arya Mangkunegara, being in conference with one another, the aforementioned Pangeran Arya Mangkunegara, upon a specific question from the aforementioned Governor, promised and declared that he would always conduct himself toward the Company and His Majesty the Emperor according to duty and obligation, obey their orders, and upon a single announcement by one of the monarch's servants appear not only on the ordinary imperial days, but even pay his respects alongside other court dignitaries as often as the monarch should desire, and likewise that he, Pangeran Arya Mangkunegara, would henceforth not allow himself to be accompanied into the Company's lodge or into the Emperor's kraton by more people, and above all no armed men, than ancient Javanese custom permits Copy and Copy. 467. From Java's northeast coast, 20 August 1772. From Java's northeast coast, 28 August 1772. and is necessary for his honor and attendance according to the custom of the country. Whereupon the aforementioned Susuhunan and Pangeran Arya Mangkunegara, taking satisfaction in the aforementioned promise, promised to cede to him the requested districts of Pajang and Panaraga in the same manner as he already holds the regency of Banyumas under his administration from the monarch, that is to say as wedana, and provided that he, the Pangeran, shall not remove or dismiss the present lesser chiefs without lawful reasons and specific prior knowledge of the monarch, nor appoint any others now or in the future except with the full approval of the Emperor. All this having been solemnly promised back and forth in our presence, we issue this certificate as proof thereof, below stood, Surakarta Hadiningrat, 17 July in the year 1772, was signed, F. C. van Strahlendorff, C. P. Boltze, Raden Adipati Sasradiningrat, and Adipati Suradimanggala, lower, Agrees, was signed, C. P. Boltze, Junior. After the customary preamble. Having seen with great pleasure from Your Right Honorable Esteemed letter that the same had returned to Samarang in good health with Madam and the little children, I thank Your Right Honorable Esteemed very kindly for this communication, as well as for the seltzer and genever sent. Furthermore, I have notified the resident Strahlendorff, just as I now also do to Your Right Honorable Esteemed, that recently the daughter of Kyai Prawirodirdjo from Mataram arrived at my place, and I request Your Right Honorable Esteemed to let me know how I should conduct myself regarding that woman, and Copy of the translation of a Javanese letter sent by Pangeran Adipati Mangkunegara to the Honorable Lord Governor and Director of this Coast, Johannes Robbert van der Burgh. Received at Samarang, 25 August in the year 1772. Copy since 469. From Java's northeast coast, 20 August 1772. From Java's northeast coast, 28 August 1772. since my daughter named Raden Ayu Sablan has affection for the son of Pangeran Mangkudiningrat named Raden Mas Noto, I would gladly see that the Susuhunan would give his consent to the marriage of those children, and if so, that the same may then be celebrated in the coming month, below stood, translated by me, was signed, C. P. Boltze, Translator, lower, Agrees, was signed, C. P. Boltze, Junior. I had the pleasure today of receiving an agreeable letter from you, and not wishing to doubt that the Susuhunan my brother will indeed consent to the marriage of Your Highness's daughter Raden Ayu Sablan to the son of Pangeran Mangkudiningrat named Raden Mas Noto, I provisionally congratulate brother on this, intending to wait upon the young people with a small present on a subsequent occasion, while I dispatch this with haste to advise you as a brother not to sacrifice his honor and good name to a wicked woman who is disobedient to her father and her husband, but, by handing over the daughter of Kyai Prawirodirdjo with her two maids upon receipt of this to the resident Strahlendorff, to show the Mataram court that Pangeran Adipati Arya Copy of the translation of a Javanese letter sent by the Lord Governor and Director of this Coast, Johannes Robbert van der Burgh, to Pangeran Arya Mangkunegara. Copy Mangkune

Dutch transcription

465 Van Iavas oostcust Den 30:' Aug:s 172. — Van Iavas oostkust Den 28. Aug=s 172. — „keerden weg in slaat als hij hier komt, zal ik zijn zaak onderzoeken, en bij nadere gelegentheid niet manqueeren Vwer Hoog Edelheden den uitslag te bedeelen. Ik onderwinde mij met de suiverste gevoelens van waare hoog agting en Eerbied mij te noeme. /:onderstond:/ Hoog Edele Gestrenge Groot Achtbaaren Heer en wel Edele Heeren /:lager/ uwer hoog Edelhedens onderdanigsten en aller Trouwschuldigsten dienaar /:was getekend/ I: R: van der Burgh /:in margine:/ Sa„ „marang Den 28.:' Augustus 1772. — Den soesoehoenang Pacoeboeana, seno Pattij Jn„ „galaga Abaul Ragman Sahidin Panatagama hofhoudende te soera Carta Diningrat, den wel Edelen Acht„ baaren heer Iohannes Robbert van der Burg; gouver„ neur en directeur van wegens de magtige nederlandsche oost Jn„ „dische Comp:e over Javas noordoostkust en Pangerang A depattij Aria MangCoenagarra, met elkander in Conferentie zijnde, heeft gem: Pangerang Aria Mangcoenagarra op speciaale af„ „vraage van den heer Gouverneur voorm: beloofd en betuigd, zich steeds omtrend de Comp:e en zyne Majesteit den keijzer na pligt en gehoudenisse te zullen gedragen, de ordres derzelven te zullen obedieeren, en op de enkele aankundiging door een van 's vorsten bedienden niet alleen op de ordinaire keijzers dagen te zullen verscheiren, maar zelfs zijne opwagting nevens ande „re hofsgoooten te zullen maaken zoo dizwils den vorst zulks zoude komen te begeeren en zoo meede dat hij pangerang Aria Mancoenagarca, in het vervolg nog in 's Comp:s Logie nog in 'skeij zeas Craton, zich niet door meer volk, en voor al geen gewapende zoude doen verzellen aan de oude Javaansche gewoonte toelaat Copia en Copia. 467. Van Javas oost Cust Den 20. Aug=s 1772. — Van Iavasoostkust den 28: Aug=s 1772 — en tot zijn honneur en oppassing na 's landswijze nodis is. — waar tegen den soesoehoenang voorm: en Pangerang Aria Mancoenagarra, in voor zegde belofte genoegen nemende, beloof„ de aan hem te zullen afstaan de verzogte destricten van Pandjea„ „lang en Pamarden op dezelve wijle als hij het landschap Banjoe„ „maas van den vorst onder zijn bestier reeds heeft dat is als wedono en mits hij Pangerang de Presente mindere hoofden buuiten wettige redenen en speciaale voorkennisse van den vorst, niet dimoveere of afzette, en ook geen andere nu ofte in het vervolg aanstelle, dan met volle goedkeuring van den keijzer Dit alles over en weeder in onze Presentie plegtiglijk beloofd zijnde, geven wy daar van dit Certificaat tot bewijs /:onderstond:/ soera Carta diningrat den 17: Juli Ao 172. /:was geteekend/ F=s C: van Stralendorff, C: P: Boltze Radeen Ai Pattijsas„ „sta Diningrat en Adi Pattij Soera Dimongollo /:Lagia/ Accordeert, /was geteekend/ C: P: Boltze. I:r Na gewoone vooreeden Met veel aangenaamheid uit uwel Ed: G:t Achb: missive gesien hebbende dezelve met Mevrouw en kindertjes in gezondheid te samarang was geretoerneerd bedanke ik uwel Ed: g:t Agtb: zeer vrrendelyk voor dies Communicatie als ook voor de gezondene zelder genever Wijders heb ik aan het opperhoofd Stralendorf ken„ nisse gegeven gelijk ik aan uwel Ed: Gt Agtb: thans meede doe dat jongst bij mij aangekoomen is de dogter van kjeij Pro wiro Dirdjo uit de mattaram, en ik ver„ zoeke uwel Ed: G:t agtb: te mogen weeten hoedanig ik mij omtrend die vroruw zal hebben te gedraagen, ende„ Copia Translaat Jav: Brief gest door den Pangerang Adi„ pattij Mancoe Nagarra, aan de Edele heer Gouverneur en Directeur deeser kuste Iohan„ „nes Robbert van der Burgh. ontfangen te Samarang den 25:' Augustus Ao 1772. — Copia „wijl . 469 Van Iavasoost cust Den 20 Aug=s 172. — Van Iavasoostkust Den 28: Aug=s 172. — „wijl mijn dogter gen:t denaijoe sablan geneegentheid heeft voor de zoon van den Pang: ManCoe Diningrat gen:t Rad: Maas Notto, zoude ik gaarne zien dat den soesoehoenang zij„ „ne toestemming wilde geeven tot het huwelijk van die kin, deren, en zoo ja dat het zelve als dan in de aanstaande maand mag kunnen voltrokken worden /:onderstond/ getranslateert door mij /:was geteekend/ C: P: Boltze Translateur /:lagere:/ Accordeert /:was geteekend/ C: P: Boltze, F:r Ik heb heeden het genoegen gehad te ontfangen een aan„ „genaame brief van uwe, en niet willende twijffelen of den soesoehoenang myn broeder zal wel bewilligen in het huwelijk van uw hoogheids dogter denaijoe sablan, met de zoon van Pang: Mancoe Diningrat gen:t Rad: Maas Nott, gelukke ik broeder bij provisie daar meede, zullende ik bij eene nadere gelegentheid de Jonge liaden met een presentje op wagten terwijl ik deeze met spoed afzenden, om uwE als een Broeder aan te raaden, van desselfs Eere en goe„ „de naam niet te willen op offeren aan een ondeugende vrouw die haar vader en haar Man ongehoorzaam is maar door de overgave op ontfangst deeses aan het opper„ hoofd Straalendorf van de dogtere van Kjeij Pro moo Dirdjo, met haar twee meiden aan het Mattaramschee hof te toonen dat Pangevang Ari Pattij Aria Copia Translaat Jac: brief gest: door den heere Gouverneur en Directeur dee„ „zee kuste Iohannes Robbert van der Burgh. aan den Pang: Aria Mancoenagarra. Copia Mancoena

NL-HaNA_1.04.02_3364_0727 view scan ↗

English

471 From Java's East Coast, 20 August 1772. — From Java's East Coast, 28 August 1772. — Mancoenagarra still possesses that same magnanimity which has always made him worthy of respect. My wife and I greet you, the Radeen aijoe, and the children, and I remain, below was written, Samarang, 26 August 1772. Lower, Agrees, was signed, C. P. Boltze, Translator. I very kindly request your Honor to give me some news about how things stand with the enemies in the east, and also to provide the emissaries whom I am dispatching for this purpose with 2 reliable persons, so that they may inform themselves accordingly, in order that I might report the truth thereof to the Soesoehoenang. Furthermore, I also request your Honor to provide me for a year with good... Copy of the translation of a Javanese letter sent by the Soenan Soero Brotto of Panaraga to the Jngabij Toespo Nagarra of Bangil, presented at Samarang in the month of March 1772. — Copy 473 From Java's East Coast, 28 August 1772. — From Java's East Coast, 28 August 1772. — ...turtles. Below was written, Translated by me, was signed, C. S. Boltze, Translator. Below was written, Agrees, was signed, C. S. Boltze, Translator. C: After the dispatch of my latest separate letter of 29 June last, I received your Honor's writings of the 27th and 29th of the same month. Maintaining that the distribution of people for Balemboangang is not proportionate to the number of each party's Tjatjas, I must express my surprise that your Honor should not know how many people the regents of Sourabaija are obliged to provide daily for the service of the Company, and that your Honor therefore also seems to have deemed it unnecessary to comply with my request to report how many are required from them daily, or how many Battoors perform service daily in the lodge, which I nevertheless still wish to know. As the copy of my letter to Gustij Moera Djambe at Balij Badong was sent to your Honor unnecessarily and solely for your consideration, I also consider it unnecessary... Copy of a separate letter from the undersigned to the Commander in the Eastern Salient, Pieter Luzac, dated Samarang, 6 July 1772. — Copy 475 From Java's East Coast, 28 August 1772. — From Java's East Coast, 28 August 1772. — ...unnecessary to return it authenticated, and just as little to hire a vessel specially for the delivery of the letter itself to that petty prince, since I am of the opinion that another opportunity for it will present itself, or otherwise that the cruisers will be able to deliver it on occasion, for which purpose I can indeed approve your Honor's draft missive to him. The persons mentioned in the report of the Javanese Singo Joijo and Bappa Coepoe, who are said to have plotted evil intentions, may, insofar as they are placed under arrest, be sent here in custody, while a close watch must be kept on the principal figure, Tiato Cesoemo, and against the execution of all wicked designs. For the reasons given, I approve the withdrawal of the post at Prajagan, and I can also give my consent to appoint those proposed by Ensign Fisser as chiefs of Djember and Sabran, as well as to favor them and the chief of Sentong with a parasol, a small mat, and a pike, provided that all this takes place provisionally until one has convincing evidence of their good intentions. With the arrangements made with the emissaries of the Prince of Madura for assembling and transporting people by the end of July, I can indeed concur, in the expectation that everything will then carry out the project in the most satisfactory manner, and that the other regents will also have their people assembled by that time, and provided that your Honor continues to urge in a discreet manner that everyone transport and provide for their own as much as possible, while for the rest regarding the hiring of vessels I refer to my latest letter of 29 June, and I still expect to know how much dried fish and rice your Honor will need from here to feed the troops; for since the quantity is not stated in your Honor's letters, nor even in the requisition finally received, one must guess at it here, whereas one cannot make an estimate here from afar, but your Honor up close certainly can determine what will be lacking.

Dutch transcription

471 Van Iavasoostkust Den 20: Aug=s 173. — Van Iavas oostkcust den 38:' Aug=s 172. — Mancoenagarra nog die zelfde grootmoedigheid bezit dewelke hem althoos agtens waardig heeft gemaakt. ken myn vrouw, groeten uwE, de Radeen aijoe en kinderen en ik blijve /:onderstond/ Samarang den 26. Aug:s 172. / Lager/ Accordeerd /was geteekend / C: P: Boltze, Translateur Ik versoeke uw Ed: zeer vriendelijk mij dog Eenige tijding te geeven hoe het met de vijanden in de oost staat, als meede aan mijne zen„ delingen die ik desweegen Expidi„ eere 2 goede perzoonen meede te geeven ten Eijnde zig daar na te instameeren om dat ik het waare daar van aan den soesoehoenang zoude kunnen bedeelen, wijders versoeke ik uw Ed: ook, om mij Een Iaar goede Schil Copia Translaat Iac: Brief gest door den Som: Soero Brotto van Panaraga, aan den Jngabij Toespo Na„ garra van Bangil, vertoont te Samarang in de Maand Maart 1772. — Copia den 473 Van Javas oostkust den 28. Aug=s 173. — Van Iavas oost cust Den 28. Aug„s 172. — „den te bezorgen /:onder stond:/ ge„ translateert door mij /:was geteekend:/ C: S: Boltze Translateur /onder„ stond:/ Accordeert /was geteekend/ C: S: Boltze, Translateur. C: Na de depeche mijner Jongste aparte van den 29. ' Junij L: L: heb ik ontvangen uE schrijvens van den 27: en 29: derzelver maand en er bij blijvende, dat de volks ver„ „deeling voor Balemboangang, niet geevenredigt met het getal van ieders Tjatjas, moet ik mijn verwondering betui„ „gen, dat uwE niet zoude weeten hoe veel volk de regenten van Sourabaija gehouden zijn dagelijks ten dienste van de Comp:e te leveren, en dat uwE: daarom ook scheintonno„ dig geacht te hebben te voldoen aan mijn requisit om op te geven hoe veel er dagelijks van hun gevergd word, 't geen ik egter ofte hoe veel Battoors er dagelijks in de Logie dienst doen, als nog begeeve te weeten. De Copia mijns brievs aan gustij Moera Djambe te balij badong, buiten noodzakelijkheid alleen ter spe„ culatie uwE gezonden zijnde, achte ik het ook on„ Copia aparte briev van den onder Getee„ kende aan den gezaghebber in den oosthoek Pieter Luzac gedateerd Samarang den 6:' Iulij Ao 172. — Copia „nodig 475 Van Iavasoostkust Den 28: Aug=s 1772. — Van Iavas oostkust den 28:' Aug=s 172. — „nodig dezelve geauthentiseerd te rug te zenden, en even min, om tot de bestelling van de briev zelve aan dat vorstje Expres een vaartuig te huipsen dewijl is van gevoelen ben dat er wel andere gelegentheid toe voor„ „komen zal ofte anders dat de kouissers die bij occs „gie bestellen kennen, waar toe ik uwE Concept mis„ „sive aan hem wel approbeeren kan. De bij het relaas van de Javaanen Singo Joijo en Bappa Coepoe op genoemde perzoonen, die kwaade voornemens zouden hebben gesmeed, mogen voor zoo verre in hegtenisse zetten in verzekering herwaards gezonden worden, moetende op den voor naamste Tiato Cesoemo en tegen de uitvoerig van alle boo„ „ze ontwerpen goede wagt gehouden worden Om de gegeven redenen passeere ik de intrekking der post te prajagan, en kan ook mijne toestemening wel geven om de door den vendrig Fisser voorgedraage tot hoofden van Djember en Sabran aan te stellen, mitsg:s om hen en het hoofd van sentong met een, Cipersol een matje en Een spok te begunstigen mits dit alles bij pro„ visie gescheide tot dat men van hun goede intentie overtuigende blyken hebben zal: Met de met de zendelingen van den Prins van Madu„ „ra beraamde schikkingen tot het bij een brengen en trans„ „porteere van volk tegen ult:o Juli kan ik mij wel Confirmee„ „ren in verwagting dat alles dan op eene meest voldoende wijze aan het project gevolg nemen en dat de overige re„ „genten tegen dien tijd hun volk ook bij een hebben zul„ „ken en mits dat uwE: op een bescheiden wijze er op blij„ „ve aandringen dat een ieder zoo veel mogelik is de zij„ „ne transporteere en voorzien terwijl ik mij voor het overi„ „ge omtrent het in huur nemen van vaartuigen gedrage aan mijn Jongste van den 29: Juni, en als nog verwag„ „te te weeten, hoe veel drooge visch en Rijst uwE van hier om de troupes te spijzigen zult nodig hebben want de quantiteit zoo min bij uwE brieven als zelfs „niet bij de Eindelijk ontvangen Eisch opgegeven wor„ „dende, moet men hier er na raaden, alzoo, men immers hier en van veore niet maar uwE van na bij wel een overslag maaken kund wat zal komen te manqueeren. overtuigende De

NL-HaNA_1.04.02_3364_0730 view scan ↗

English

477 From Java's East Coast, 28 August 1772. — From Java's East Coast, 28 August 1772. — I expect the sloop Samarang within a few days with provisions from the capital, and as I hope to set out on my journey tomorrow, I shall leave orders to fill the remaining space in that small vessel with rice and to forward it directly to Sourabaija. It has come to my surprise, as no mention is made of it in your letters, that the Oeloupampang Resident Schophoff is said to have removed Alap Alap without the prior knowledge of the Prince of Madura. I desire to know on whose authority that Resident took a step that could often have unpleasant consequences. The so-called prisoners of war mentioned in your latest of 29 July having arrived here, I give you notice thereof and remain, after greetings, underneath stood: Your good friend, was signed: J. R. van der Burgh, in the margin: Samarang, 6 July 1772. Lower: P.S. As one of the vessels with which the last soldiers departed arrived at Japara in a damaged condition, I have had the soldiers mentioned in the enclosed muster roll continue their journey overland, just as the corporal and six native privates who escorted the prisoners hither are now also departing with their muskets. Expecting daily Their High Excellencies' disposition concerning Pamacassang, you will need to send hither the bupati with the ornaments belonging to the regency, so timely that he can be here by the time of my return from the courts or in the beginning of August, and in the meantime keep good supervision over that district. At the moment I thought to close this, I receive a letter from you and the Council addressed to the Political Council here, dated the 2nd of this month. In partial answer thereto, it serves for your information that, even if only in small quantities at a time, the requested 100 koyangs of rice will be supplied to you on all occasions; but if 479 From Java's East Coast, 28 August 1772. — From Java's East Coast, 28 August 1772. — in the meantime the local harvest proceeds well, notice thereof must be given at the earliest opportunity, in order not to cause unnecessary expenses and trouble with the transport of rice this year. The repeatedly demanded account of all expenditures and disbursements for the benefit of the expedition having been directly required of you by Their High Excellencies, you must comply therewith, it being a strange evasion to ask for models from here. To the same aforesaid Luzac, dated Soura Carta, 14 July 1772. — After dispatching my latest separate letter of the 6th of this month and my arrival here in Soura Carta, I duly received your letter of that same date, in answer to which, concerning the Balemboang affairs and the forces being gathered, I refer to my previously sent successive letters, noting that the sloop Samarang has not yet appeared with the requested provisions, etc., from the capital, and equally no opportunity seems to have presented itself to date to ship rice from Samarang; I am now giving orders thither to ship all the further items recently requested by you using cruising mayang proas as far as possible, but as those vessels cannot be spared for long, you will consequently need to send them back at the earliest opportunity. I shall shortly speak to the Prince of Madura directly regarding his request for the delivery of the beams to the Palembang juragan. — And on the subject of the account required of you by Their High Excellencies, I have already declared myself. Furthermore, having received a petition, but no letter, from Sumenep's Regent 481 From Java's East Coast, 28 August 1772. — From Java's East Coast, 28 August 1772. — together with yours of the 6th of this month, I grant his request for the sale of a vessel to the Malay Maredjing, provided that the latter is a subject of the Company and care is taken that, contrary to the prohibition on this matter, he does not alienate that vessel to any foreigners. I remain, after greetings, underneath stood: Your good friend, was signed: J. R. van der Burgh, in the margin: Soura Carta, 14 July 1772, lower: P.S. I find no reason why the contents of the private letter from Resident Schophoff dated 16 June were not taken over in your separate letter. As soon as I have received the letter from Their High Excellencies that I have been expecting for some days now, I shall declare myself upon it. In the meantime, however, one must not sit idle regarding the expedition business. To the same aforesaid Luzac, dated Souracarta, 21 July 1772. — Having duly received your letter of the previous day since my last separate letter of the 14th of this month, it serves in reply thereto, and from the esteemed separate letter from Their High Excellencies in Batavia dated 26 June last received in the meantime, for your information that, with respect to the Balambangan affairs, while maintaining the arrangements already made for assembling and collecting people for a new expedition, you must otherwise conform to the wishes of our well-mentioned superiors, as appears from the enclosed extract from their aforesaid separate missive of 26 June, and thus you: Primo, for the formation of up to four companies, each 100 men strong on the first plan, may enlist as many Easterners (though no Javanese, battoots, or others) as can be obtained, while I have here in Samarang and in Djocjacarta also already given orders for recruitment, with the intention to send those I can obtain, directly after my return to Samarang, which I hope in the beginning of

Dutch transcription

477 Van Iavasoost kust Den 28: Aug:s 1712. — Van Iavas oost kust Den 28: Aug:s 1772. — de sloep Samarang wagte ik binnen weinig dagen met provisien van de hoofdplaats, en dewijl ik morgen hope op reis te gaan zal ik ordre laten om de overige ruimte in dat kieltje met Rijst te vullen en het zel„ „ve direct naar sourabaija voort te zenden. Mij tot bevreemding om dat er bij uwE brieven geen gewag van word gemaakt, voor gekomen zijnde dat den oeloupampangs Resident schophoff buiten voor ken„ „nisse van den prins van Madura Alap Alap, zoude hebben gedimoveerd, begeere ik te weeten op wiens quali„ „ficatie dien resident een stap heeft gedaan die dikwils onaangenaame gevolgen zoude kunnen hebben. De bij uwE Jongste van den 29: Juli vermelde zoo ge„ naamde krijgs gevangen hier aan gekomen zijnde ge„ „ve ik uw E: daar van kennisse en blijve naar groete /:onderstond:/ uwE goede vriend / was geteekend/ I: R: van der Burgh /:in margine / Sama„ „rang den 6. Juli 1772. /:lager:/ P: S: dewijl een der vaartuigen waar meede de laatste militairen vertrokken zijn in een havin loozen toestant te Iapara aangelopen is heb ik de militairen bij inleggende naam rolle genoemd overland laten reisvorderen, gelijk tans met hun geweer ook vertrekken de Corporaal en ses gemeene Jnlanders die de arrestanten herw=s hebben g'Excorteerd. dagelijks de dispositie hunner hoog Edel„ heden over pamacassang te gemoete ziende zal uwE: den bepattij met de ornamten die tot het regentschap gehooren, dienen herwaarts te zen„ den zoo tijding dat tegen mijn terug komst van de hoven of in 't begin van augustus hier kan zijn, en intusschen goede toezigt op dat district hebben te houden. Op het ogenblik dat ik deezen dagt te sluilen ontvange ik schrijvens van uwE en den Raad aan den politicquen raad alhier gedateerd 2. deezer in ge„ „deeltelijke beantwoording daar op is tot uwE na „rigt, dat men al was het maar bij kleijne par„ „tijen te gelijk uwE bij alle gelegentheden de ver„ „zogte 100 Coijangs Rijst zal bezorgen doch indien aangelopen in 479 Van Iavas oostkust Den 28 Aug:s 172. — Van Iavas oostkust Den 28: Aug=s 172. — intusschen den insaam schot neemd, moet daar van ten eersten kennisse gegeven worden, om geen onnodige kos„ ten en nooite met het transport van Rijst in dit Jaar gely te veroorzaaken. De te meermalen geEischte reekening van alle int„ gave en speudatien ten behoeve der Expidetie door hun„ „ne hoog Edelheden direct van uwE gevorderd, zijnde, moet uwE daar aan voldoen zijnde het eene sonder„ „linge verging om van hier modellen te hebben. Adjdem aan voormelde Luzac geda„ „teerd Soura Carta den 14 Iuli Ao 1772. — Na de afzending mijner jongste aparte van den 6: dee„ „zer en mijne aankomst hier te soura Carta heb ik wel ontvan„ gen uwE: letteren van dien zelven datum in welkers be„ antwoording ik mij omtrent de balemboangsche zaaken en bij een verzameld wordende mogt gedraage aan mijne succes„ „sive afgezonden voorige, onder notitie dat de sloep samarang met de verzogte proedisien ent: van de hoofdplaats nog niet opge„ daagd is en er even min gelegentheid tot heden zich schijnt te hebben op gedaan om van Samarang rijst afte scheepen, geven„ de ik tans ordre derwaarts om al het verder jongst door uwE gevraagde met kruisprauumaijangs zoo verre mogelijk ofte scheepen, doch die vaartuigen niet lang te missen zijn„ „de zal uwr oversulx ten eersten dienen te rug te zenden Den prins van madura zal ik eerstdaags direct over zijn verzoek ten afgave der balken aan den palembangs Juragan onderhouden. — En op het supt der door hunne hoog Edelhe„ „den van uwE: gelistte reekening heb ik mij reeds. verklaard. voorts wel een request maar geen breef van sumanaps regent Adydem. nevens 481 Van Iavas oost cust Den 28. Aug=s 172. — Van Iavas oostkust Den 28:' Aug=s 172: — nevens den uwe van 6„' deeser ontvangen hebbende, accordeere ik in zyn verzoek ten verkoop van een vaartuig aan den ma„ „leier Maredjing, mits dat deeze en onder horige vande Comp. e is, en er zorge gedragen worde dat hij tegen de inter„ dictie op dit stuk dat vaartiig aan geene vreemde koome te veralieneeren. Ik blijve na groete /:onderstond/ uwE: goede vriend / was ge„ teekend / J: A:t van der Burgh /:in margine/ soura Carta den 14: Juli 1772 / lager / P: S: ik vinde geen reden waarom de inhoud uit de particuliere briev van den Resident Schopheof. de dato 16: Juni met bij uw E: aparte ilver genomen zoo dra ik het al eenige dagen te gemoete gezien schrijven hunner hoog Edel„ „heden zal ontvangen hebben zal ik er mij op verklaaren: Jn„ tusschen moet eehter met het Expeditie wrak met stille ge„ zeten worden. Sedert mijn laatste aparte van den 14: hujus wel bekomen hebben„ „de den uwe van 's daags bevooren, diend daar op, en uit het in tusschen ook ontvanger g'eerd apart schrijven hunner hoogEdel„ heden te Batavia de dato 26: Juni Jongstl: tot uwt narigt dat uwE met opsigt tot de Balembrangsche zaaken behouden de reeds gemaakte arrangementen tot het bij een brengen en verzamelen van volk tot een nieuwe Expeditie zich overigens rigten moeten naar de begeerte van wel gem: onze superivo „ren bij inleggende Extract uit opgem: derzelver aparte missive van den 26 Juni blijkende en dus zal uwE. P=mo ter formeering al was het van vier Compagnien ieder sterk 100 koppen p=mo plan, zoo veel oosterlingen / doch geen Javanen battoots of andere :/ in dienst mogen nemen als te bekomen zijn terwijl ik hier te Samarang en te Djoop Carta ook reeds ordre ter aanwerwing gegeven hebbe, met intentie om die ik bekomen kan, direct na mijn te rug komst te Samarang, dat hoop ik in het begin Adjdem aan voormelde Luzac gedateerd Souracarta Den 21:' Iuli Ao 1722. — Adydem van

NL-HaNA_1.04.02_3364_0733 view scan ↗

English

483 From Java's East Coast The 28th of August 172. — From Java's East Coast The 28th of August 173. — of August will be, to send to you. 2. to the Prince of Madura, as I myself will also do in the name of Their High Mightinesses, and also from myself, to urge in friendly, yet no less serious terms to deliver the promised warriors, battoors, and necessary vessels for transport in a timely manner. 3. The number of the delivery recommended to the Regent of Sumenep of 500 ought to be increased to 1500 heads on the basis of the favor that has been shown to him, it being possible, in order not to delay the work or hold up the other troops thereafter, to also successively transport to the designated rendezvous the warriors that he currently has ready and collects from time to time. 4. Care must be taken that the bupati of Pamekasan delivers the 500 heads imposed upon him in able-bodied men and good warriors, because the new Regent Raden Aria Cakradipura, currently in Semarang, and also not yet installed, will not be able to contribute much to that himself. 5. Also to encourage the Regent of Pasuruan, Niti Nagara, to assemble, in compliance with Their High Mightinesses' requisition of him, an adequate corps of vigilant troops to protect his lands and ward off enemies. 6. At the first opportunity, as I have already demanded of you in a previous letter and which I trust will have been complied with, you must inform me further whether the necessary war ammunition, provisions, etc. for the expedition are at hand or are expected to arrive, and if not, then immediately specify what is still lacking of the one and the other, in order, as far as possible, to provide you therewith, and why I have given orders to dispatch without the least delay the sloop Semarang with the provisions loaded therein at Batavia and more for the eastern corner, item 10 sailors to remain there in service after arrival, while you, in case of necessity, will also be permitted to make such use of that vessel as the Company's service and interest may require; and after the arrival of the soldiers also very graciously promised by Their High Mightinesses under a captain and further officers, I shall endeavor to arrange the further transport of them most quickly, even if it were overland, and to 7. With this specifically cited matter, further to observe what Their High Mightinesses, according to the aforesaid extract letter, require and desire that shall be done and pursued for a wished-for conclusion of affairs, and meanwhile, without the least delay or suspension however of the work and the intended new expedition to Bali, to supply me with his thoughts on whether it might not be possible to come to an amicable settlement with the rebels, and if so, how and what means should be employed for that purpose. In the request of the Balinese King Gusti Ngurah, granted by Their High Mightinesses to the extent that each may provide 2 fathoms in length and breadth, one must be purchased in Surabaya and the second in Semarang. Because according to your writing in a separate letter of 19 May, Pamekasan is in an unfavorable state, and consequently that district indeed needs a vigilant and watchful Regent, the choice of Their High Mightinesses, as already cursorily mentioned above, having fallen upon Raden Aria Cakradipura, currently still head of the islands of Kangean, Sapudi, Sepanjang, and Gili Genting, provided he yields the same contribution as his predecessors and also settles the arrears, I give you notice thereof for your guidance as well as that the aforementioned islands have been placed again, and thus henceforth, just as previously, shall fall under Sumenep, to which Regent, accordingly, the designated contingent for those islands must be imposed, and as soon as the bupati of Pamekasan has assembled and delivered the warriors demanded of him, I shall expect him here with the instruments of the Regency. And herewith proceeding to a punctual answer to your aforesaid separate letter of the 13th of this month, I approve that you have reduced the number of Surabayans for the expedition, since I am and remain of the opinion that they must be spared as much as possible. The sending of the letter for the Balinese petty prince in Badung also meets with my approval, and Ensign Mierop can be employed in the expedition or return after the transport of the new force, as you shall judge advisable and necessary; however, since officers are expected to arrive from Batavia, I cannot as yet condescend to your request in favor of Ensign Guttenberger. I hope that the Regents will fulfill their promise for the delivery of rice and that the currently dry weather will enable them to do so. However, I have given orders that the space that might remain in the sloop Semarang also be filled with rice, and if obtainable, to add another 2 to 3000 dry bundles above what was first planned, in order thus to accommodate you as much as possible. The reasons that you pretend, why you had passed over in silence, and without reporting anything of it to me, the demotion of the Madurese chief Alap-Alap by the provisional Resident Schophoff, are just as unsatisfactory as he, Schophoff, was qualified to do so; but this being a done deed, I shall only remark upon it that I hope the Prince of Madura may rest content with the reasons given for it. If you arrange the account of all expenses and expenditures for the expedition demanded by Their High Mightinesses in such a manner as you say you understand it in your letter of the 13th of July

Dutch transcription

483 Van Iavas oostkcust Den 28:' Aug=s 172. — Van Iavas oostkust Den 28: Aug=s 173. — van augustus zal zijn, vwE: toe te zenden. 2. a den prins. van Madura, gelijk ik zelfs ook doen zal uit naam hunner hoog Edelheden, en ook van mij, in vriendelijke, doch niet te min ernstige termen moeten aanmaanen de beloofde krij„ gers, Battoors ende nodige vaartuigen tot transport tijdig te bezorgen. 3. het nummer der Saumanaps Regent aanbevoolen bezorging van 500. dienen te vermeerderen tot 1500 koppen op fundament van de geinst die hem bewezen is kunnende om het werk niet te vertragen of de andere troupls. daar na op te houden, de krijgers die hij actueel gereed heeft en van tijd tot tijd bij een„ „breng ook succissive naar de bepaalde rendevous getrans„ „porteerd worden. 4: zorge hebben te dragen dat den bepattij van pamakassang de hem op gelegde 500. koppen in weerbaare mannen goede krijgers bezorge want der nieuwen Regent Radeen Aria Tjacradiepoura tans te Samarang, en ook nog niet ge„ installeerd zijnde daar toe zelfs niet veel zal kun„ „nen Contribueeren. 5. almeede passerouangs regent Niti Nagara hel„ „ben aan te zetten om in voldoening hunner hoog Edelheden requisit van hem een toerijkend Corps wakkere troupes bij een te brengen ter dekking zijner landen, en afweering van vijanden 6: Bij eerste gelegentheid, gelijk ik zulks al bij voorige van uwE gevorderd hebbe en waar aan ik vertrouwe dat vol„ daan zal zijn mij nader moeten informeeren of de nodige krijgs ammunitie vivres enz: tot de Expeditie voorhanden zijn of staan te komen en zoo neen dan ten eersten opgeven wat van het een en ander nog manqueerd, ten Einde zoo verre mogelijk er uwE van te voorzien, en waarom ik ordre gesteld hebbe, de sloep samarang met de daar in te batavi„ „a afgeladen provisien en welmeer voor den oosthoek, item 10 mattroosen om daar te blijven dient doen na aankomst, zon„ „der het minste dilaij voortte zenden, ter wijl uwE in kas van noodzakelijkheid van dat kiltje ook zodanig gebruik zult mogen maken als 's Compagnies dienst en interest komt te vorderen; en ik na aankomst van de door hunne hoog Edelheden ook zeer grakeus beloofde militairen onder een Capitain en verdere officieren tragten zal, „ben die 485. Van Iavasoost Cust Den 28. Aug=s 172. — Van Iavas Oostkust Den 28 Aug=s 172. — die al was het overland, ten schielijkste verder transport te bezorgen, en ten 7 Met dit speciaal aangehaalde verder te observeeren hebbe wat hunne hoog Edelheden blijkens meer gem: Extract missive requireeren en begeeven dat om een een gewenscht linde van zaaken zal worden gedaan en betragt, mitsg:s mij intusschen Zonder de minste vertraging ofte opschorting echter van het werk ende voorgenome nieuwe Expeditie op Baijde dienen te suppediteeren, desselfs gedagten of het niet mogelijk, zoude zijn # met de Rebellen in het vriendelijke te assopieeren, en zoo Ja hoe en wat middelen daar toe zouden dienen te werk ge„ steld te worden. In het verzoek van Balij koning Gustij moera door hunne hoog Edelheeden in zoo verre bewilligd ieder lang ren breed 2 rademen mogen voorzien, zal er een van te sourabaija en het tweede samarang moeten worden inge„ kogt. Om dat volgens uwE schrijven bij aparte van den 19:' mai pama„ Cassang in een disfavorabelen staat is en dat gevolgelijk dat distoect wel een wakker en vigiland Regent nodigt heeft, de keuse hunner hoog Edelheden gelijk voorwaarts reeds ter Coops is aangehaald gevallen zijnde op radien Aria Tja„ Cradipoura, thans nog hoofd der eilanden Cangiang sepoe„ „di Sampandjang en giligenting mits dezelve Contributie als zijne voorzaaten opbrengende en ook de agterstallen voldoen„ „de geve ik uwE daar van tot na rigt zoo wel kennisse als dat de evengemelde Eilanden weder gesteld zijn en dus voor„ taan even als bevoorens sorteeren zullen onder sumanap welke regent over zulks het bepaalde Contingent voor die Eiganden moet worden opgelegd zullende ik zoo dra den bepattij van pamacassang de van hem gezischte krijgers „gers bij een gebragt en bezorgd heeft hem met de ordramen„ „ten van het Regentschap hier verwagten. En hier mede tot een pauctule beantwoording uwere voorgem: aparte van den 13: deezer treedende approbeere ik dat uwE het getal Sourabaijers tot de Expeditie verminderd hebt, dewijl ik ben en blijve bij het gevoe„ „len dat die zoo veel mogelijk is moeten worden geme„ Cde afzending der briefs voor het balijs vorsje te badong nageert. de draagd 487 Van Iavas Oostkust Den 20: Aug:s 172. — Van Iavas oostkust den 30: Aug:s 172.— draagd ook mijn goedkeuring weg en den ven„ drig Mierop kan en Expeditie g'emploijeerd worden of na transport der nieuwe magt te rug keeren, zo als uwE dat raadsaam en noodsakelijk oordeelen zal doch dewijl er officieren van Batavia staan te koomen kan ik voor als nog in uw E: verzoek en faveur van den ven„ drig Guttenberger niet Condescendeeren. Ik hoop dat de Regent en hunne belofte ter bezorging van Rijst zullen na„ komen en dat het tans drooge weer hin daar toe in staat stellen zal Echter heb ik ordre gesteld om de plaats die in de sloep samarang over blyven mogte ook met rijst te vullen en zoo te bekoomen zijn, boven de Eerst geprojecteerde er ook nog 2 a 3000 droge rissen bij te voegen om uwE dus te gemoet te koomen zoo veel mogelijk is. De redenen die uwE: voorwend, waar„ „ om uwE: de dimotie van het ma„ aureesche hoofd Alap Alap door den p=l Resident Schophoff, stilzwijgende, en zonder er my iets van te melden, hadt ge„ passeerd, zyn even min voldoende als hij schophoff, daar toe was gequalificeerd, dan dit een gedane zaak zijnde, zal ik er nog maar op aanmerken dat ik hoop den prins van madura in de daar van gegeven redenen berusten magt. Als uwE de door hunne hoog Edelheden gevorderde reekening van alle uitgave en Spendatien ten behoeve der Expeditie zoo inregt als uw E: het bij brief van den 13: Juli zegt te begrij„ De pen lb

NL-HaNA_1.04.02_3364_0736 view scan ↗

English

489 From Java's East Coast, 28 August 1773. — From Java's East Coast, 20 August 1772. — I do not doubt but that it will suffice. After greetings, I remain /below stood/ Your Honour's good friend /was signed/ P:s R:t van der Burgh /in the margin/ Soura Carta, 21 July 1772. — The same to the aforesaid Luzac, dated Djocjo carta, 29 July Anno 1772. With reference to my latest separate letter of the 21st of this month, I hereby advise receipt of your letters of the 16th and 20th previously, and that I consider what was shared therein and in its enclosures, in so far as it requires no reply, as having been communicated. If the reports from Balemboang have not again been supplied too hastily and merit belief, the prospects for a desired end are certainly favourable again; however, as experience itself has taught that one must not rely upon this, I also recommend that Your Honour proceed with the expedition according to the intention of their High Excellencies and the plan, for which I shall further provide Your Honour, according to possibility, with whatever might still be lacking, and shall also dispatch immediately upon arrival the officers and European soldiers who are still expected from Batavia. But as the recruitment of Easterners proceeds very slowly, I shall be able to provide Your Honour with few of them. On the other hand, the sloop Samarang, laden with provisions, rice, and as much arrack as could be collected from Samarang, has already departed for Sourabaija, and The same above 491 From Java's East Coast, 28 August 1772. — From Java's East Coast, 28 August Anno 1773. — above the ordinary crew manned with ten sailors to be retained in the East Hook, while I have also already given orders to command thither by the overland route two assistant surgeons, and likewise a few days ago further urged the Prince of Madura to supply his warriors, which I do not doubt he will strictly perform. If there are well-founded reasons that the rebels are still corresponding with the Balinese, I deem it more advisable that Your Honour, as if of your own accord, converse with and warn the nearest petty rulers of that country about the consequences, rather than that I should write to them directly, so as, in the latter case, as they say, not to wake sleeping dogs or give any sign that one fears anything from their side. After greetings, I remain /below stood/ Your Honour's good friend /was signed/ J:s R:t van der Burgh /in the margin/ DjocjoCarta, 29 July 1772. — Since my departure from Djocjo Carta and after my return here, or indeed this morning, I have successively received Your Honour's separate letters of 29 July and the 7th of this month; and approving the orders given and arrangements made by Your Honour accordingly for the assembly and advance of the projected force for Balemboangang according to the plan, on account of the stated necessity one must also allow the provision of vessels for transport and the supply of rice for consumption to the Madurese, not doubting but that they will now have arrived at the designated place without further delay, and Semanap will also have already supplied the warriors demanded of him or make as much haste thereto as is possible; whilst for augmentation and reinforcement from the weak garrison here, I shall this week still command 25 European soldiers overland to Oostij, alongside a The same to the aforesaid Luzac, dated Samarang, 12 August Anno 1772. — The same Company 493. From Java's East Coast, 8 August Anno 1772 — From Java's East Coast, 28 August 1772. — company of Easterners, being as many as can presently be spared of the former and provided of the latter. I hoped that the sloop Samarang, and the private vessels that have transported goods from here for Sourabaija, will have arrived there before the arrival of this letter; and as the requisition dated the 4th of this month, received today, will have been largely satisfied by the provisions, ammunition, and other goods sent therewith, item the arrack that four mayang proas will transport, I also deem that for the present there is no fear of embarrassment, whilst whatever is still lacking from that requisition will also be fulfilled at the very first opportunity, as far as the supplies here permit. I can so far allow that Your Honour has permitted Raden Tommongong Jajadingrat to remain in Sourabaija for a few days, but before I know for what reason and whether he left Madura with the prior knowledge of the Pangeran, and also why he is disinclined to return thither again, I cannot answer his request to be allowed to remain there or elsewhere under the Company's protection, and thus I shall await further information concerning both matters. The detention of the Pamacassan bupati until he should have gathered the warriors demanded from that district meets with my approval; but since it appears to me that he proceeds very slowly, and besides it is high time to install the new regent, Your Honour will need to be attentive to his arrival without further delay, and will also have to furnish me with the amount that the arrears of the deceased Regent actually still amount to, and what Pamacassan has been obliged in recent years to deliver to the Company, both gratis and against payment, in order to verify whether both matters agree, he with

Dutch transcription

489 Van Iavas Oostkust den 28 Aug=s 1773. — Van Iavasoost kust den 20 Aug=s 172. — „pen, twyffele ik niet of dezelve zal voldoen. Ik blijve naar groete /:onderstond/ uw E Goede vriend /was geteekend/ P:s R:t van der Bdurgh /:in margine/ Soura Carta den 21:' Juli 1772. — Adjdem aan voormelde Luzac ge„ „dateerd Djocjo carta den 29:' Juli A:o 1772. Met refert tot mijn Jongst aparte van den 21 hujus adviseeren bij deesen den ontvangst uwer Letteren van den 16: en 20 bevorens, en dat ik het daar bij en bij dies bij lagen bedeelde voor zoo verre geen rescriptie verlischt hou„ „de voor gecommuniceerd. Als de balemboangsche berigten niet weder te voorlarig zijn gesuppediteerd en geloofd miriteeren, zyn zekerlijk de uitzig„ ten op een gewenst Einde ook weder favorabel, doch dewijl de ondervinding zelfs geleerd heeft dat men zich daar op met verlaten mag recommandeere ik uwE: ook met het Expeditie werk na de intentie hunner hoog Edelheden en het plan voort te gaan, waar toe ik uwE verder na mogelijkheid van het geene nog mogte ontbreeken voorzien En ook na aankomst illico toezenden zal, de officieren En Eeroopesche krijgers die nog van batavia worden ver„ „wagt, maar de aanwerving van oosterlingen zeer traag voortgaande zal ik er uwE weinig kunnen bezorgen. Daar en tegen is de sloep samarang, beladen met pro„ „vosien rijst en zoo veel arak als bij een te brengen is ge„ =weest van samarang, naar Sourabaija reeds pueg, en Adydem boven 491 Van Iavas oost kust Den 28: Aug=s 172. — Van Iavas oostkust den 28. Aug: A„o 173. — boven de ordinaire Equipagie bemand met tien matroozen ter aanhoudinge in den oosthoek, terwijl ik ook reeds ordre gegeven hebbe, om derwaarts over den landweg te Commanderen twee on„ „dermeesters mitsg:s voor eenige dagen den prins van Madura nader aangespoord ter bezorging zijner krijgers, en waar aan ik niet twijffelen wel, off hij zal stept voldoen. Als er gegronde redenen zijn dat de rebellen nog met de balijers Correspondeeren, achte ik het raadsamer dat uwE, als uit zich zelve de naast by gelegen vorstjes van dat land daar over eens onderhoud en waarschouw, voor de gevolgen dan dat ik hen direct schrijven zoude, om in het laatste geval, gelijk men zegt geen slappende vrolven wakker te maaken, of blijk te geven dat men iets van hunne zijde vreesd. Ik blijve naar groete /:onderstond/ uwE goede vriend /was geteekend/ I:s R:t van der Burgh /:in margine/ DjocjoCarta den 29: Iulij 1772. — S mijn vertrek van Djoejo Carta en na mijn re„ tour hier of wel heden morgen heb ik successive ont„ vangen uwE aparte Letteren van den 29 Juli en 7: deezer en approbeerende, de dienvolgens, door uwE gesteld vrares en gemaakte arrangementen tot de verzameling en op„ maasch van de geprojecteerde mogt voor balemboangang na het plan, moet men om de opgegaen noodzakelykheid ook passeeren de bezorging van vaartuigen tot transport ende verstrekking van rijst tot Consumtie aan de ma„ dureesen, niet twijffelende of zij zullen nu zonder langer uit stel ter bestemder plaatze weezen aangeko„ men, en semanap zal ook de van hem gevorderde krijgers reeds bezorgd hebben of daar toe zoo veel spoed maaken dan maar mogelijk is terwijl ik tot augmen„ „tatie en versterking uit het zwakke gearnisoen alhier nog deeze week over den landweg naar Costij Com„ „mandeeren zal 25 Europeesche krijgers, nevens een Adjdem aan voormelde Luzac geda„ „teerd Samarang Den 12: Aug=s Ao 172. — Aaydem Comp: 493. Van Javas Oostkcust Den 8:' Augj=s Ao 172 — Van Iavas oost kust den 28:' Aug=s 172. — Comp: oosterlingen, zijnde zoo veel men tegenwoordig van de eerste missen en van de laatste bezorgen kan. Ik hoopde dat de sloep Samarang, en de particuliere vaartuigen die goederen van hier voor sourabaija heb„ „ben vervoerd, voor paresse deezes daar wel zullen weezen aangekomen, en met de daar meede afgezon„ „den provisien amunitie en andere goederen item de arak die vier prauwmaijangs zullen transpor„ teeren den heden ontvangen lisch gedateerd 4: hujus voor een g soot gedeelte zullende voldaan zyn agte ik ook dat er voor eerst geen bedugting voor ver„ legentheid is terwijl het nog op dien Eisch manquee„ „vende ook bij de aller eerst gelegentheid zoo veel den voorraad hier toelaat zal worden voldaan. I kan in zoo verre wel passeeren dat uwE Radeen Tommongong Jajadingrat, hebt gepermitteerd eenige dagen te sourabaija te blij„ „ren, maar voor dat ik weete om wat reeden en of hij met voor kennisse van den pangerang madura verlaten heeft, mitsgad=s waarom hij ongenegen is weeder derwaarts te ver„ trekken, kan ik op zijn verzoek, om daar ofte elders onder 's Compagnies protectie te mogen blijven met antwoorden, en dus zal ik om„ „trint het een en ander nadere informatie te gemoet zien. De aanhouding van pamacassange bepattij tot dat hij de uit dat district gevorderde koij„ geas bij een zoude hebben gebragt draagd mijne goedkeuring weg, maar nadien het mij voor„ „komt dat hij wijtraag te werk gaat, en het buiten dien ruim tijd word den nieuwen regent te installeeren, zal uwE: op zijn overkomst zonder verder uitstel verdogt dienen te zyn en mij ook moeten suppediteeren hoe veel de agter stallen van den overleden Regent actueel nog bedraagen, en wat Pamacassang in de Jong„ ste Jaaren verpligt is geweest, zoo voor niet, als tegen betaaling aan de Comp:e te leveren, om na te gaan of het een en ander accordeerd, hij met

NL-HaNA_1.04.02_3364_0739 view scan ↗

English

From Java's East Coast, the 28th of August 1772. From Java's East Coast, the 30th of August 1772. with the notes regarding this that are kept here. After greetings, I remain, below stood, your good friend, was signed, J. R. van der Burgh. In the margin: Samarang, the 12th of August 1772. Item to the aforementioned Luzac, dated Samarang, the 24th of August, the year 1772. Your separate letters of the 13th and 19th of August have been duly delivered to me, and I await not only further reports from you at any moment that the Madurese and other auxiliary troops have assembled properly at Panaroekan and have together begun the advance march, but I also wish soon to learn that, the rebels having been brought to submission, peace and tranquility will have been restored in the Balambangan region. I still await the bupati of Pamekasan here without delay, and if Raden Tumenggung Jayanegara is still lingering in Surabaya, he must be ordered to return immediately with his retinue either to Madura or to come here, in both cases under trusted surveillance and supervision, to prevent him from taking a wrong path. After greetings, I remain, below stood, your good friend, was signed, J. R. van der Burgh. In the margin: Samarang, the 24th of August 1772. Below stood: Agrees. Was signed: J. R. van der Burgh. In most obedient reply to your Right Honorable esteemed letter of the 29th of June received by me yesterday, I shall, regarding the projected arrangements for the expedition forces, refer to the submissive distribution in the letters of the 27th and 29th of June, and furthermore govern myself regarding the Europeans under Ensign Mierop, assisted by the expected Ensign Diskaan, according to the highly revered instructions of your Right Honorable. The distribution of the people over the respective regencies having been examined according to the present state of the cacahs, a difference will often arise because the proportion thereof will often have been calculated in comparison with the old cacahs kept on record there, and which has since greatly diminished. As it was formerly the custom and having often seen it practiced that one frequently mentions in one's separate letter papers that are only later dispatched with general letters, this caused me to take the liberty to follow suit. Which is also why your Right Honorable will have received the requisition of what is most urgently needed for the eastern salient and the expedition not among the separate papers, but with our general letter; yet, as this does not give satisfaction, I shall omit doing so in the future. The apprehension over a shortage of rice having not extended so far that, on the grounds of your Right Honorable having repeatedly notified us so urgently of a great lack of that grain in Batavia, we were allowed to let the lading of the vessel Tulpenburg pass by; for this concerns not so much the harvest as the slow collection in order to be able to provide the auxiliary troops, especially Madura not having been able to be included therein as the Prince has now indicated, with that grain within the fixed time of this month, because I trust that, if the same, like each of the regencies has undertaken, fulfill what was written to them to provide their people with rice for two months—thus leaving only Madura, for whose people rice has been requested from here, since Sumenep and Pamekasan have undertaken theirs—we shall have no shortage for the household, both for here and for Balambangan, with the daily collection of rice that is now taking place. I have written to the Resident at Ulupampang by extract of your Right Honorable's letter to let the Samarang cruising pantjalangs return home if they can be spared in any way, and regarding the vessels, I shall likewise observe nothing other than what is necessary and cannot be spared. Being unable to obtain any comprehension regarding the separate account of all extra expenditures and spendings, and how to act therewith, I most humbly request, as was also requested by general letters, to be provided with a model for the same.

Dutch transcription

495 Van Iavas oostkust Den 28: Aug=s 1732. — Van Iavas Oostkust den 80 Aug:s 173.— met de aantekeningen die daar van hier be„ rusten. Ik blijve naar groete /:onderstond/ uwE goede vriend /:was geteekend:/ I:s R=t van der Burgh /in margine/ Samarang Den 12: Augustus 1772. — Aaydem aan voormelde Luzac geda„ „teed Samarang den 24. Aug=s A„o 173. — Mij zijn wel besteld uw E: aparte van den 13: en 19: augustus en ik wagte, niet alleen alle ogen„ blikken nadere berigten van uwE dat de ma„ dureesen en andere hulp troupen te panaroekan wel bij een gekomen zijn en te zamen den op„ marsch aangenomen hebben, maar ik wensche ook haast te vernemen, dat de rebellen tot submissie gebragt zijnde, de rust en vreede in heet Balembrangsche zal weezen her steld. Den bepattij van pamakasjang wagte ik nog al zonder uitstel hier, en indien Radeen Tommongong Jaja Dingrat nog te souraboija zich ophoud, moet hem aan„ gezegd worden om ten eersten met zijn ge„ „volg of naar madura te rug te keeren ofte herwaards te komen in beide ge„ „vallen onder vertrouwd op en toezigt, ter Aaydem voorkoming 497 Van Iavas oost Cust Den 28: Aug=s 17. — Van Javas Oostkust Den 80 Augj 1732 voorkoming dat hij geen verkeerde weg in slaat. Ik blijve naar groete /:onderstond:/ uw E: goede vriend /was geteekend/ I: R: vander Burgh /in margine / Samarang den 24: aug=s 1772 (onder„ stond / Accordeert /was geteekend /. I: R: van der Burgh. Ter gehoorzaamste beantwoording aan vwel Ed: Achtb: g'eerbiedigde missive van den 29: Iunij op gesteren bij mij ontvangen zal ik ten sujette der geprojecteerde aarangementen tot de Expeditie volkeren my refereeren aan de submissie bedeeling bi Letteren van den 27: en 29:' Junij, en verder omtrent de Europeesen onder de vendrig Mierop geadsisteerd met de te verwagtene vendrig Discaa„ „ner na hoog gevenereerde aanschrijvens van welEd: Achtb: reguleeren. De volks verdeeling over de respective regentscheep„ „pen ingezigt zijnde na de presente staat der Tjatjas zal dikweaf dies verschil ontstaan, dat derzelver evenoedigheid dikwerf in over een brenging met de oude aldaar berustende Tgatjas zal gecalculeert zijn en zeedert grotelijks vermindert is Doormaals in usantie en meermaale hebbende Copia aparte missive van den gezagheb„ „ber in den oosthoek P=lo Luzac, aan den ondergeteekende gedateerd Sourabaija Denb: Iuli 1772. — Copia zien 499 Van Iavas oostkcust Den 28. Aug=s 172. — Van Iavas oostkust den 20 Augj: 73. — zien tracteeren dat men dikwerf melding maakt bij zijn aparte van papieren, welke daar na bij ge„ meene Letteren eerst werden verzonden heeft mij het zelve de vrijheid doen gebruiken op te volgen waarom het dan ook is dat vwel Ed: Achtb: den Eijscht van het geene voor den oosthoek ende Expedi„ „tie hoogst benodigt mder onder de aparte papieren niet gevonden bij onze gemeene briev zult hebben ont„ fangen; dog daar mede geen genoegen gevende zal ik het zelve voor het vervolg nalaten. De bedugting voor verlegentheid van rijst zig in zoo verre niet hebbende uit gestrekt dat wij op sunda„ „ment van vwEd: Achtb: ons meermaalen zoo dringen„ „de aangesz: groot gebrek te batavia aandien korl, de belading van den bodem Tulpenburg hebben mo„ „gen passeeren want dezelve ziet zoo zeer niet op de oogst als wel op de toage insaam om de hulp troupen /:inzonderheid Madura daar niet onder hebbende kunnen stelle gelijk nu de prins te kennen heeft gegeeven :/ binnen de bepaalde tyd van deeze maand met dien korl te kunnen voorzien, wijl ik ver„ trouwe zoo deselve gelijk een ieder der regentschappen het hem aan geschreevene voor hun volk voor twee maan„ den met Rijst te voorsien aangenomen daar aan koo„ men te beantwoorden /: blijvende dus dan eenelijk Ma„ „dura, voor welkers volkeren rijst van hier verzogt is daar sumanap en Pamacassang het hunne hebben aangenomen :/ dat wij bij de nu dagelijkse insaam van de Ryst tot de huis houding zoo voor hier als ba„ lemboang= geen gebrek zullen hebben. — Ik heb den Resident te oeloepampang bij Extract uw E. Ed: Achtb: missive aangeschreven de Samarangse kruispantjallangs zoo maar eenigsints te missen zijn thuis te laten keeren en zal ik meede ten sujecte der vaartui„ gen niet andere betragten dan dat noodsakelijk en niet te menageeren is Geen bevatting ten sujette der aparte reekening van alle Extra uitgeven en spendatien en hoedanig daar meede te handelen kunnende krijgen zoo verzoeke ootmoedigsten gelyk bij gemeene letteren ook verzogt is, mij met een model tot het niet zelve

NL-HaNA_1.04.02_3364_0742 view scan ↗

English

From Java's East Coast, the 20 August 1772. From Java's East Coast, the 28 August 1772. to be pleased favorably to strengthen the same. Furthermore, no further distribution from Balemboangang having come before me to date, I have only to offer to Your Right Honorable a nominal list of the deceased in this past month, to which, also adding a letter and petition from the Regent of Sumanap, I at the same time have the honor to make known the delivery of a son to the second Regent's wife on last Saturday morning. While praying for heaven's merciful guidance and blessings upon Your Right Honorable's journey to the court, I have the honor reverently to subscribe myself, was written: Title, lower: Your Right Honorable's obedient and faithful servant, was signed: L:a Luzac, in the margin: P.S. As yet having received no general strengths or any other required reports from Oeloepampang, I cannot hereby as yet comply therewith. Copy of a separate missive from the commanding officer in the Eastern Corner, P: Luzac, to the undersigned, dated 13 July 1772. To my greatest regret, having as yet received nothing from the Balemboang servants either on the subject of the required papers or general strength, I have only to present to Your Right Honorable's attention the extracts of their letters just received, and most obediently to reply to the highly revered missive of the 6th. Honoring Your Right Honorable's further view that the assessment of the people for Balemboangang would not be justified by the number of each cacah, I have set the Sourabaija regents at 200 warriors each, and 50 baggage carriers each, and supply herewith a list of the people which the regents are to deliver daily at the lodge for service. On the occasion of the envoy from Carem Assem departing thither, I have, through two trusted natives named Soero Dikoeso and Soero Dewongso, sent with him via Carem Assem the letter for the Gusti at Badong on behalf of Your Right Honorable, and on the occasion that the Balemboang coolie prisoners just brought in are dispatched, I shall also answer the Javanese held here in detention accused of an evil plot, and meanwhile place the principal one, Tirto Cosomo, under good orders, as I shall also communicate to Ensign Tispheen Your Right Honorable's very favorable disposition concerning Prajagan and the chiefs of those districts. Every one of the regents of these districts, as well as Sumanap and Pamacassang, have undertaken to contribute their share of vessels and provisions for their people; only the Pangeran of Madura makes a singular request so devoid of equity, since it is indeed well known that that prince lacks no vessels, nor would Madura be so entirely devoid of rice as to leave everything at the Company's expense. I have therefore, in accordance with the highly revered contents, most kindly requested that prince to provide therein, if not entirely then at least as much as possible, for I see no chance of procuring Madurese vessels for the remaining 1600 heads. And I further take the liberty to await Your Right Honorable's disposition regarding Ensign Mirox, whether I shall let him serve there in the expedition, or have him return upon the transport of the troops; and whether it might please Your Right Honorable to cast a favorable reflection upon the proposed Ensign Guttenberger for Lieutenant, even if only provisionally, in order, because of the many ensigns stationed there, to remove their equal rank which often causes many brouilleries in public affairs, which I believe would contribute much to the encouragement of the new expedition or enterprise. We have withdrawn our request for assistance of rice on the foundation of the promises made to me today by the regents that they would provide against the lack of that grain, in which the advertisement and conditional prohibition against export has also strengthened us, as also all

Dutch transcription

501 Van Javas Oost kust den 20 Aug=s 172. — Van Javas Oostkust den 28: Aug=s 172. — zelve guinstiglyk te willen sterken. Wijders mij geen nadere bedeelinge van Balem boangang tot hee„ „den voorgekomen zijnde, heb ik eenelijk de eene vwel Ed: Achtb: aan te bieden een Naam Lyst der overledene in deeze verwee „ken maand, bij het welk nog voegende een briev en request van de sumanaps regent teffens de eere heb bekend te stellen de be„ vallig van de tweede Regent zijn huisvrouw van een zoon op gepasseerde Saturdag morgen. Terwijl over vwel Ed Achtb: rijse na de hove 's hemels goe„ „dertierne geleide en zegeningen toe gebeden hebbende, mij de eere geeve reverentelijk te onderschrijve /:onderstond:/ Titul /:lager/ uwel Ed Achtb: gehoorsame en getrouwe dienaar /was geteekend :/ L=a Luzao /:in margine/ P: S: voor als nog geen generaale sterktens of eenig andere g'Eischte berigten van oeloepampang ontfangen kan ik bij deeze tot nog daar aan niet voldoen. Copia aparte missive van den gezaghebber in den oosthoek P: Luzac aan den onderge„ teekende; gedateerd den 13: Iuli 1772. — Tot mijn meeste ongenoegen van wegen van de Balembrang „sche bediende voor als nog zoo ten sujette der g' Eischte papie ten of generaale sterkte geene ontfangen hebbende, heb ik eenelijk uw Ed: Achtb: attentie aan te bieden de Extracten hunner brieven zoo even ontvangen, en op de daar bij ge„ venereerde missive van den 6: gehoorsaamst te rescribeeren. Dat gehonoreert uwel Ed. Achtb: nader begrip dat de volks oerdeeling voor Balemboangang niet geventedigt met het getal van ieder Tjatjas zoude zijn, heb ik de soura„ baijse regenten gestelt op 20o krijgers ieder, en 50 draag volkeren ieder, en suppediteere hier nevens een Lyst der volkeren, welke de regenten ten dient dagelijks inde lo„ gie komen te leveren. Bij gelegentheid dat de zendeling van Carem Assem derwaarts vertrekt, heb ik door twee inlandse vertrou„ de bij name soero Dikoco Soero Dewongsoe, met hem over Carem assem den briev voor gustij te Badong van Copia weegen 503 Van Iavas oost kust den 28: Aug=s 173. — Van Iavas oostkust den 28 Aug=s 172. — wegen uwel Ed: Achtb: versonden, en zal ik meede ter occagie dat de zoo even aangebragte Balemboangsche koijges gevangen werden afgezonden, de alhier over een kwaad ontwerp betigte in desentie zittende Javanen meede beant„ „woorden en immiddens op den voornaamste Firlo Cosox „mo goede ordres stellen gelijk ik al meede de zoo gunstige dispositie van uwel Ed: Achtb over Prajagan en hoofden dier districten den vendrig Tispheen zal Com municeeren. Een ieder den Regenten deezer districten zoo als ook sumanap en PamaCassang hebben het hunne te Con„ tribueeren vaartuigen en provisien voor hun volk aange„ „nomen eenelijk komt de pangerang van Madura eene zoo buiten de billijkheid zonderling versoek te doen, daar men immers wel weet dat het dien pains aan geen vaartuigen manqueert ook dat Madura zoo geheel van Rijst ont„ stoken zoude zijn om het alles ten lasten van de Comp:e te laten; Ik heb dan dien prins navolgens hoog gevenereerde inhoud op het vriendelijkst verzogt daar in te voorzien zoo niet al ten minste zoo veel mogelijk is want ik ook geen kans zie tot de resteerende 1600 koppen madu„ „reese vaartuige te bezorgen. En neeme ik wijders de vrijheid uwel Ed: Achtb: disposit„ tie over den vendrig Mirox in te wagten, of ik denzelve aldaar in de Expeditie zal laten dienst doen, dan wel bij transport den volkeren zal laten retourneeren; En of het vwel Ed:e Achtb: mogte behogen eene guns„ „tige reflexie te slaan op den voorgedragen vaandrig Gut„ „tenberger tot Luitenant /: al was het maar provisio„ neel :/ om de wille van de veel hun daar bevindende vaandrigs derzelver gelijkstandigheid dikewerf veele „brouillerijen in de gemeene zaaken Causserende weg te nemen 't welk ik meen dat veel tot aanmoediging voor de nieuwe Expeditie of ondermeninge zoude Con„ tribueeren. Wij hebben ons verzoek tot adsistentie van Rijst inge„ „trokken op fundament der beloften huiden door den Re„ genten aan mij gedaan dat zij voor gebrek: aan die kool zoude voorsien tot het welk het advertissement en Con„ ditioneel verbod tot aen uitvoer ons mede gesterkt heeft ook al

NL-HaNA_1.04.02_3364_0744 view scan ↗

English

From Java's East Coast, 28 August 1773. From Java's East Coast, 28 August 1772. Although with regard to the crop I still suffer all the detrimental inconveniences caused by the ceaseless and daily rains, as proof of which I submit the letter from Grissee to your Right Honourable esteemed attention, the regents made me understand no less clearly this morning the difficulty for the common people to cut and bring in their crop, because the fields were more inundated than usual and they were thus forced to carry their paddy on shoulder poles nearly half through the water. The arrangement made by Resident Schophof concerning Alap Alap, I have fully approved, under a favourable and well-meaning tacit consent, partly on account of his good and salutary understanding and partly because it did not belong to the main business of the expedition, which had already ended fruitlessly. However, since the matter seems to have been presented to your Right Honourables so unfavourably, as if that resident had taken a step without the slightest good foresight, your Right Honourables will kindly please observe from the enclosed annexes relative to those matters, as well as the good successes of our command achieved by that same arrangement, that upon Alap Alap's own voluntary request and renunciation, the resident was thus forced—owing to the indisposition of Mr. Heinrich—to arrange these measures for the best of the common interests; just as the Prince of Madura, whose inquiry in that regard seems to be confirmed by my reply to him. Thus, I trust in that humble confidence that your Right Honourables will favourably approve the conduct arranged in this matter by the resident, all the more when your Honour will kindly take into favourable consideration that Alap Alap is not a Madurese by blood, but a Buginese mischief-maker sent from Batavia to Ceylon, which I only discovered afterwards. Having respectfully taken note of the communication concerning the arrival of the so-called prisoners of war from Balemboangang and Adirogo, I daily await the soldiers sent further overland according to the nominal roll received. And after having recommended trustworthy and well-suited chiefs to provide adequate supervision over the aforesaid districts, I shall let the bopati of PamaCassang depart thither with the ornaments belonging to that regency as soon as the newly projected troops for Balemboangang have been embarked and have arrived in proper order at Panaroekan. Regarding the rice, I had the honour to make mention of it herebefore, wherein we humbly request without specification that we may be assisted with as much dried fish as can be spared from the Coast or can be supplied among other provisions to be shipped on opportunities of dispatch, since we, as well as the tamarind, can presently only obtain it with great difficulty, and the expedition troops can thus only be provisioned with small quantities for a few days at a time. I most humbly request that your Right Honourables may be pleased to favour me with an explicit explanation regarding Their High Mightinesses' highly revered orders concerning the demanded account of all expenditures and outlays for the benefit of the expedition, so that I may have the honour to satisfy Their High Mightinesses and your Right Honourables in that regard. Unless it consisted therein, either upon receipt of the monthly accounting from the resident to have it examined and signed by me or commissioners, in order thus to present it to Their High Mightinesses in a separate account outside the ordinary trade books of the East Coast, or a separate account regarding all extraordinary expenditures and outlays for the benefit of the expedition, under which I would then understand such an account as I recently had the honour to submit to your Right Honourables on behalf of Commander Heinrich, such as the provision of spy money, opium, extraordinary gratuities to natives upon the execution of some exploit of weight or necessity, the provision of arrack, provisions, etc. to the natives under extraordinary and necessary circumstances. As I then further take the liberty to excerpt the words from the extract of Their High Mightinesses' dispatch dated 7 April 1772, partly relative to the aforementioned extraordinary expenditures and outlays, and respectfully submit them to your Right Honourables' wiser judgment; wherein Their High Mightinesses, speaking about the fixed determination of a sum for the monthly expenditure for spies, continue, "but desire that he, the administrator, shall keep a separate account of such expenditures and outlays and send it to us monthly for approval, etc., etc.," from which I, subject to correction, deduced

Dutch transcription

505 Van Iavas Oostkust Den 28: Aug=s 173. — Van Iavasoost cust Den 28 Aug=s 172. — al hoe wel ik omtrent het gewas de gantsche nadeelige in Convenienten door de onophoudelijke en dagelijkse regens als nog Cusseeren tot een bewijs den brief van Grissee uwel Ed Achtb: g'eerde attentie aanbiedeen gaven mij de regenten hui„ den morgen uit minder te verstaan de moeijelijkheid voor de gemeente om hun gewas te snijden en binnen te krygen door dat de velde meer aan na gewoonte geinudeert waren en dus bij na half door het water genoodzaakt waren hun„ „ne padij te pikelen. De schikkinge van den resident Schophof over Alop slap, heb ik om de wille eensdeels van desselfs goed en heil„ zaam begrip anders deels als tot de hoofdzaake der Expedi„ tie welke bereets vrugteloos afgeloopen was, niet gehoo„ „rende, onder gunstig welduiden stelswijgende ten volle ge„ „ approbeert, Edog dewijl vwel Ed: Achtb: die zaake zoo ongun„ „stig scheinen voorgedragen te zijn als of die resident een stap gedaan had zonder eenige de minste goede voor uit „zigte, zal vwel Ed: Achtb: uit in Close bijlagen relatief tot die zaaken gunstig gelieve te beoegen zoo wel als berads ontwaartse goede successen onzer Commandas„ door dezelve schikkinge te weege gebragt, dat op eige vrij„ willige verzoek en afstand van Alap Alap de resident deeze maat regulen ten beste van de gemeene belangens/ bij indispositie van de heer Heinrich /zodanig genood„ zaakt is geweest te reguleeren gelijk ook dat de prins van madura hoogst desselvs voage daar omtrent door mij beantwoord schijnt te confirmeeren dus ik in dat ne„ „drig vertrouwe verseere dat uwel Ed Achtb de behandelin„ „ge in deeze door den Resident beraamt gunstig zult ap„ probeeren, te meer, waanneer hoogst dezelve in gun„ „stige aanmerking gelieft te neemen, dat aflapclap geen Madurees van den bloede, maar een uit de kit„ „tig na Ceilon verzonden boegineese Foctum maker is 't welk is nader hand eerst heb ontwaart. Voor Communicatie in eerbied aangenomen hebbende de aankomst der zoo genaamde krijgs gevangenen van balemboangang en Adirogo, wagt ik dagelijks op de na„ „der over Land toe gezonden militairen volgens ontfange naam rolle, en zal ik den beppasij van PamaCassangna getrouwe en wel geschikte hoofde tot toerijkende toezigt door rera 507 Van Iavas Oostkust Den 28: Aug=s 172. — Van Javas Oostkust Den 28: Aug:s 172. — over voorsz districten aanbevolen te hebben agter te laten met de ornamente tot dat regentschap gehoorende, derwaarts laten vertrekken zoo dra de nieuw geprojecteerde volke„ ren voor balemboangang zullen afgescheept en in behoor „lijke ordre te Panaroekan aangekomen zijn. Omtrent de rijst hebbe ik de eere gehad hier voren mol„ ding te maken daar wij buiten bepaaling ootmoedig ver„ zoeken ons met zoo veel gedroogde vis te gemoed te komen als van Costi zal kunnen gemist of onder andere af te schee penprovisien zal kunnen werden gevoed by gelegentheiden van verzending dewijl wij dezelve zoo wel als de Tammerin„ „de niet aan met groote moeite thans kunnen magtig worden ende Expeditie volkeren dus eenelijk met kleine partijen voor weijnige dagen telkens kunnen vorckeer. Ik versoek ootmoedigst, dat vwel Ed: Achtb mij geleeft te begunstigen met een ontvouwde Explicatie over Hun hoog Edelens hoog gevenereerde ordres ten Jupette aen g' Eischte reeck van alle uitgave en spendatien ten behoeve der Expeditie, op dat ik de eere hebben kan hun Hoog Edelens en uw Ed: achtb: daar omtrent voldoenend te beantwoorden: ten zij het zelve daar in bestond, of om bij ontfangst der maandelijkse verantwoor„ „ding van wegen den resident denzelve door mij of gecom„ „mitteerde te laten nazien en ondertekennen om dus bij een aparte reek: buiten de ordinaire negotie-boeken van aen oosthoek deselve haar hoog Edelens te presenteeren of een apar„ te reek: omtrent alle Extra ordinaire uitgave en spendatien ten behoeve den Expeditie onder welke ik dan zoude be„ „grijpen zodanig een reek: als ik de eere gehad heb Jongst van wegen den Commandant henrich uwel Ed: Acttb: aan te bie„ „den als daar zijn verstrekkinge van spion geld amphioen Extra ord=e douceuren aan Jnlanders bij verrigting van een of ander Exploict van gewigt of noodzakelijkheid, ver„ strekkinge van Arak provisien &=a aan den Jnlander bij Extra ordinair en noodsakelijkheid omstandigheden: ge„ „lijk ik dan nader de vrijheid gebruik gedeeltelijk daar heen relatief voormelde Extraordinaire uitgave en spen„ datien de woorden uit Extra van haar hoog Edelens mis„ „sive dato 7: april 1772 te Excerpeeren en uwel Ed: Achtb: hoog wijzer oordeel eerbiedigst voor te dragen: alwaar haar hoog Edelens sprekende omtrent de vaste bepaling eenen som„ „ma tot de maandelijkste uitgave voor spions laten volgen maar begeeren dat hij gesaghebber van diergelijke uitga„ „re en spendatien een apart reekening zal houden en smaan„ delijks aan ons ter approbatie zenden &: &:o waar uit ik onder bestond Conrectie

NL-HaNA_1.04.02_3364_0746 view scan ↗

English

From Java's East Coast the 28 August 1772 From Java's East Coast the 20 May 1772 cannot deduce anything other than that the monthly separate account to be drawn up by me is only intended for such extraordinary expenses and expenditures as are specified by spy money and the provision cited here before, just as I would then act for this month concerning the account of Mr. Heinrich, since since the just-mentioned highly respected extract insertion of the mentioned approval on the train expenses of Ensign Fisscher, no further separate account concerning extraordinary expenses and expenditures has come before me. Wherewith, having prayed from the heart for heaven's good favor over your Honorable Worship's undertakings and journey to the courts, I have the honor to subscribe myself with deep respect: below stood: Title, lower: Your Honorable Worship's very obedient and faithful servant, was signed: P:s Luzac. In the margin: P: S: the apprehension for the crop and products in general increases more and more in view of the daily continuing heavy rains which do not cease here and have now started to intensify again just before the full moon. Copy of a copy, separate missive from the Captain-Lieutenant Heinrich written to the Authority in Sourabaija, P:s Luzac, dated Cotta the 7 July Anno 1772. Your Honorable Worship's highly esteemed letter of 23 June past I have had the honor to receive, and I serve herewith in humble answer that according to the new project of 3000 warriors I must change my previous posts and, instead of three posts, will be able to manage only two, so as not to expose any posts due to weakness, because the previously determined number does not arrive complete here in the first place, and secondly some fall ill and others go deserting; I shall not fail in my duty to do my utmost best with regard to the natives still present here, so far I assume for certain that due to illness only 200 men can be counted on, except for those Malays whom I judged best to leave behind in garrison due to timidity; regarding the arrangement in case of my indisposition, it is such that I have assigned the command here to Ensign Jenigen, with reason, because I could not walk, and in case of an incident one must know the person who continues the command; however, everything was also conducted by my advice. Furthermore I have the honor to report to your Honorable Worship that I sent a commando to Kapudian, situated near Pakken, in order to destroy the salt pans constructed there, as the same was carried out, and furthermore burned the surrounding native villages: Pompornang, Kabasposaai, Talakkan, Jonkkien, and Pangotangang, and in the houses paddy was found and at Jonkiem and Kapudian cornfields, which were destroyed together; of these native villages' people 22 were taken prisoner, among whom four adult males, of whom one died en route, and 18 women as well as children; I have sent them over to Oeloepampang, and one had to remain here due to severe illness, being untransportable; those people are very lean and starved; the males confess that they have had to report to Bajoe every month in order to work there for some days, such as cutting palisades and doing further fortification works, and it appears as if the rebels at Bajoe are successively gathering those village peoples together, as some days ago 20 individuals from the village of Jonklim were summoned to Bajoe and departed thither, and yet there may be others among them with a different disposition who await the outcome, and by the commandos those people are only devastated and driven together; regarding the Balinese everything is currently, and since the death of Rampak the presumptuous, quiet; these prisoners have stated to me that some days ago over 2000 individuals were present in Bajoe and they reinforce themselves whenever they wish from the vagabonds of the surrounding area, which I once again submit to your Honorable Worship's high consideration, as I judge my stated demand to bring these obstinate rebels to subordination not to be so large. Also, I respectfully report to your Honorable Worship that I have received two acts of pardon from the Resident Schophof, which I have caused to be posted at the most well-situated passages. Wherewith I have the honor to remain with deep respect and dutiful high esteem, below stood: Your Honorable Worship's dutiful servant, was signed: I: G: W: Heinrich. Wherewith are sent over such prisoners of war captured by our recently dispatched commandos as well as by the cruisers near Pakkun in the wilderness, as are noted on the enclosed list; furthermore, I know little to impart to your Honorable Worship regarding the state of the rebels beyond what was done on the 5th of this month, except only that reports are received daily of their extreme famine, as can be somewhat inferred from that captured crowd, everywhere thus found, and that mortality in the hideout Bajoe takes the upper hand, along with further decline from famine; nevertheless the rebellious chiefs still bear themselves just as desperate and obstinate as previously. Copy, Extract, separate missive written by the Titular Junior Merchant and Resident at Oeloepampang Hendrik Schophof, to the Authority in Sourabaija, P:s Luzac, on 8 July 1772.

Dutch transcription

Van Iavas Oostkust den 28 Aug=s 1712 Van Javas Oostusd den 20. Meij 1732 Contectie niet anders kan opmaken, dan dat de maan„ delijkse aparte reekening door mij te formeeren alleenlyk is bedoelende zodanige Extra ordinaire uitgave em spen„ „datie als gespecificeert is door spiond geli en hier vooren aan„ gehaalde verstrekkinge, gelijk ik dan voor deeze maandom„ „tent het reekeningtje van den heer Heinrich zoude handelen alsoo sedert bij even gemelde hoog gerespecteert Extracte geins„ „tig gementioneerd approbatie op de Frains ongelden van den vaandrig Fisscher mij geen nadere aparte reekening omtrent Extra ordinaire uitgave en spendatien is te vooren gekomen. Waar mede over uwel Ed: Achtb: verrigtinge en rijse aan de hoven Chemels goed gunstigheden van herten toe gebeden hebbende mij de eere geeve met diepe Eerbied te onderschrijven /:onderstond:/ Tituel /:lager:/ wel Ed: Achtb: zeer gehoorz: en getrouwe dienaar /:was geteekend:/ P:s Luzac /:in margine/ P: S: de bedugting voor het gewas en pro„ „ducten uit generaal accresseert meer en meer in aan„ merking van de dagelijks. aanhoudende sware regent welke hier niet ophouden en nu weder even voor de rolle maan sterken begonnen zijn. Copie a Copia aparte missive van den kapitain Luitenant Heinrich geschreven aan den ge„ zaghebber te Courabaija I=s Luzac, ge„ lb dateurt Cotta Den 7:' Iuli A:o 172. uwel Ed: Achtb hoog geeerde Letteren van den 23: Ju„ nij passato hebbe de eer gehadt te ontfangen en diene hier mede in nedrige antwoord dat volgens den nieuw pro ject van 3000 krygers ik mijn voorige poosjest veranderen moet en in plaats van drie posten maar twee zal kunnen reguleeren om weegens swakheid geen posten te Exponeeren, want het voor heen bepaalde getal komt voor het eerst niet Com„ pleet hier tweeden raken welke ziek en andere aan het drossen, aan mijne pligt zal jk niet manqueeren mijn mogelijk best te doen in reflexie van die nog hier zijnde in„ lander zoo ver onderstelle ik vast wegens ziekte dat maar op 200 man kan gereekent worden Excepto die malei„ „er endewelke wegens bangigheid oordeelde in bezetting te rug te laaten, aangaande de schikking bij mijne indispositie, zoo is het dat ik alhier het Commanda aan den vendrig Jenigen opgedragen, met reden, Copia ter E 511 Van Java's Oostkcust den 28 Aug:s 173. —. Van Javas Oost kust den 20. aug:s 172. — ter wijl ik niet konde gaan, en by een voorval men weeten moeten den geenen dewelke het Commando voort egter is alles mede door mijnen raad beleid worden. Verders hebbe de eere uwel Ed=e Achtb: te melden E dat ik een Commando, gezonden na kapudian gelegen bij pakken om aldaar die aangelegde zout pannen te vernielen zoo als het zelve ter uitvoer gebragt worden, en verders die omstreeks leggende Negorijen verbrand Pom„ pornang, kabasposaai Talakkan Jonkkien en Pango„ tangang en is in de huisen padij gevonden en tot Jonk„ hiem en kapudian Jagons velden het welke te zae„ men vernielt is van deeze Nogorijs volken zijn 22 gevangen gemaakt, waar onder vier groote mansper zoonen waar van onderweegs een overleeden en 18. zoo wel vrouwen als kinderen, hebbe zo naar oeloe„ pampang overgezonden en een wegens sterke ziek„ „te in transportable hier blijve moeten, dat volk is zeer magea en verhorgerd, die manspersoone be„ „kennen dat zij alle maand hebben moeten op komen op Bajoe, om aldaar voor eenige dagen te weaken als Pallissaten, kappen, en verdere fortificatie wereken te doen en het schemt als of die rebellen tot Bajoe die Ne„ gorijs volkeren successive bij malkander trekken terwijl voor eenige dagen 20 koppen uit de Negorij Jonklim na Bajoe op ontboden en derwaarts vertrokken zijn en dog andere gezinde kunnen onder zijn, de„ welke den uitgang verwagte, en door de Comman„ dos dat volk maar verwoester, en bij malkan„ „der gejaagdt word, wegens die Balijers is alles „tegenwoordig en sedert den dood van Rampak den verwaande maas willes stille: deeze gevange„ „nen hebben aan mijn opgegeven, dat voor eenige da„ „gen boven de 2000 - koppen in bajoe zig bevonden en versterken zig wanneer zij willen van die van daar omstreeks vagebonden, het geene ik uwel Ed: Achtb. nogmaals in hooge Consideratie geeve, daar ik oordeele mijne opgegeve Eisch om tot subordon„ „natie te brengen deeze verstokte rebellen niet zoo veel te zijn. Ook melde eerbiedig aan uwel Ed. Achtb: dat als ik 513 Van Javas Oost kust Dden 108: AugsAo 172 Van Iavas oostkcust Den 20 Aug:s 1732—. — ik twee pardon acte van den resident Schophlof hebbe ond„ vangen dewelke aan de best gelegenste passagien hebbe affigeeren laten. Waar meede de eere hebbe met diep ontsag en pligt schuldi„ „ge hoogagting te bliven /:onderstond:/ uwel Ed: Achtb: plicht schuldige dienaar /:was geteekend:/ I: G: W: Heinrick. Waar mede overgaan zodanige krijgs-gevangene door onze Jongst uitgezonde Commados als door de kruissers bij pakkun in de wildermissen opge„ „vangen, als op inleggend Lijstje genoteert staan; verder waet ik uwel Ed=e Achtb: weinig van de Rebellen staat te bedeelen als den 5:' deezer gedaan, dan alleenig men berigting da„ gelijks inkrijgt van haar uitterste hongers nood gelijk aan dat op gevange goedje wel Eenigsints is na te gaan, alomme zoo gevonde werd, ende sterfte in het schuil nest Bajoe de overhandt neemt en verdere verloop uit hongersnood, eg„ „ter de rebellische hoofden hun als nog eve wanho„ „pig en hardnekkig als bevooren gedaan gedoaa„ Copia Extract aparte missive geschoe„ „ven door den Titulair onder koopman en Resident te oeloepampanng Hendrik Schophof, aan den gezaghebber te soura„ „baija P=lo Sucac den 8:' Julij 1772. — Copia, gen

NL-HaNA_1.04.02_3364_0749 view scan ↗

English

515 From Java's East Coast, 30 August 1772. From Java's East Coast, 28 August 1772. to remain standing there until the last man. Below stood: Agrees. Was signed: I: Luzac. Translation of a Javanese letter written by the Madurese chiefs on expedition to Balemboangang to their prince, received here on 11 June 1772. After customary compliments. We report hereby to your Highness, after we returned from Baijoe to Lateng, ten days thereafter, being Wednesday, the resident of Oeloepampang sent for both of us, item also Captain Alap Alap, there being also present with the resident the chiefs of the Sumanap people, namely Soera Nagara and Singo Diridjo, whereupon the resident addressed us thus: hey, or otherwise you, Radeen Koeda Pamankang and Tambak Boijd, I make known to you that I have relieved Captain Alap Alap of his authority over the troops, and now appoint you, Radeen Koeda Pamankang, as chief over those people, to maintain authority over them, and whenever I have anything to command, I shall have it done through you alone; against which I strongly guarded myself, but the resident forced me to it, and therefore I, Koeda Pamankang, pray your Highness's intention in that regard; the resident also told me that I should inform the people that Captain Alap Alap is now dismissed from his authority over the people, and said to him, Alap Alap, that he can return homeward, whereupon he replied, how shall I return home, I know for certain that your brother, the pangerang, Translation will 517 From Java's East Coast, 28 August 1772. From Java's East Coast, 28 August 1772. will take this amiss. The resident also ordered me to count in the meantime all the people, your Highness's subjects, who are here at Lateng, which has also been accomplished, and I have found there to be only five hundred heads remaining; furthermore, on Monday the 29th of the light Sapar, I also received orders from the resident to strike the settlement of Banjar, which I have already accomplished with your Highness's troops, together with the Sumanap people, accompanied by Ensign Pneke, Corporal Vrolig, and a soldier, but have found neither enemies nor houses there, though indeed paddy fields that have turned out very well and fruit trees in full bloom, which I was ordered, along with the Sumanap people, to ruin everything and to cut off the paddy, as has also been done. While we still respectfully inform your Highness that the same troops here at Lateng are for the greatest part ill. Below stood: End. And lower: Translated by me. Was signed: F:k Helmont, sworn translator. Still lower: Agrees. Was signed: F. Helmont, sworn translator. I have duly received my son's letter, also the letter from the Madurese chiefs at Balembaangang enclosed therein for my consideration, for which I express thanks, and regarding the contents of which I state that the same does not at all agree with the report conveyed in that regard by the resident there, who writes to me that, upon the complaints brought forward by Alap Alap to the resident that none of the Madurese wished to listen to his command, the resident, for the sake of the certainty of matters for the best of the Company and your Highness's people, proposed to the radeens whether something could not be achieved with the Madurese currently remaining if the eldest of the radeens retained chief authority over the still remaining Madurese, considering that Alap Alap was inclined to return homeward; whereupon the radeens indeed requested that Alap Alap might remain there for so long, because he had been appointed by your Highness and me as chief over the Madurese; finally, the resident having further pointed out to them the unwillingness and disobedience to the orders of Alap Alap, the said radeens readily consented thereto, the more so because Alap Alap himself requested to be allowed to return home and was inclined to do so; which arrangement, judged necessary and beneficial for the best of the country and your Highness's and my own reputation, I also have approved in full; and now having received the notification that the Javanese letter written by the Senior Merchant and Commander of this Eastern Coast, Mr. Pieter Luzac, to the Pangerang Adipatti Sitja Adiningrat of Madura. Javanese Madurese

Dutch transcription

515 Van Javas Oostkust Den 30 Aug=s 172: — Van Javas OostkCust den 28 Aug:s 172. — „gen daar te willen blijven stant houden tot de laaste„ man /:onderstond:/ Accordeert /:was getekend/ I: Luzac. Translaat Javaanse briev geschreven door de madureesche hoofden in Expeditie tot Balem„ „boangang aan Hunneprins alhier ontfangen Den 11: Iunij 1772. — Na gewoone Complimenten Wij rapporteeren uw Hoogheid bij deeze na dat wij van baijoe te rug zijn gekomen op Lateng, tien dage daar aan zijnde swoens„ dag de resident van oeloepampang ons beide heeft laaten ontbieden item a â Kapitain Alap Alap, zijnde ook bij de resident present geweest, de hoofde der sumanaps volkeren als soera Nagara en singo Diridjo, waar op de resident ons dus danig aan sprak hee, of anders gij Radeen koeda Pamankang en Tambak Boijd, Ik geeve ver liede te kennen dat ik de kapitain slapslapp van zijn gezag over de Troupen het ontvangen en u radeen koe„ „da Pamankang tans als hoofd over die volkeren aanstelle om „daan over het gezag te houden en zoo wanneer dat ik wat te belasten heb, zal ik aan m: alleen late doen waar over ik mij grote„ „lijks heb bewaart, maar de resident heeft my daar toe gevor„ „seerd gehad en dier halven bid ik koeda Pamankang w: hoog„ „heid jntentie dien aangaande, ook heeft mij de resident aan„ zegt dat ik de volkeren zoude te kennen geeven dat Capitain Alap Mlap tans van zijn gezag over de volkeren is ontslagen en tegens hem e slap slap gezegd dat hij te huiswaards kan retourneeren waar op hij repliceerde hoe zal ik na huis kee„ „ren, jk weet voor zeker dat uwe broeder den pangerang mij Translaat zulks 517 Van Javas Oostkust Den 28: Aug=s 172. — Van Javas Oostkust Den 28. Aug:s 172. — zulks zal kwalijk nemen. De resident heeft mij ook bevoolen dat ik ondertusschen alle de volkeren uwer hoogheid onderdanen zou„ „de opnemen die hier op lateng bevinden welk ook volbragt is en hebbe maar bevonden nog te weezen vijf honderd koppen verders heb ik op maandag den 29: van het Licht Sapar ook ordre van de resident gekregen om de negorij Banjar te slaan het geen ik bereets met w: hoogheids Troupen, benevens de suma„ „napse volkeren volbragt hebbe verzelt van den vendrig pneke„ Corporaal vrolig en een zoldaat maar hebbe geene vijan den nog huisen daar gevonden, egter wel paaij velden die heel wel ge„ slaagd is ende vrugtboomen in volle vleur, welke mij geordonneert was, benevens de sumanappers om alles te reijneeren, ende padij aff te snijden gelijk ook g'schied is. Terwijl m: hoogheid nog eerbiedig te kennen geven als dat denzelven Troupen hier op Lateng voor het grootste gedeelte ziek zyn /:onderstond:/ Ende /:lager:/ door mij getranslateerd: /:was geteekend:/ F:k Helmont, geswoore Transateur /: nog Lager:/ Accordeert /:was geteekend/ F= Helmont, gesw: Translat=re Ik het mijn zoons briee wel ontfangen, ook den briev dere Ma„ „dureese hoofden te Balembaangang daar bij ingesloten ter mijnen specu„ tatie, waar voor dank betuige en op welkers inhoud diene dat dezel„ „ve gants niet over eenen komt met het bedeelde daar omtrent van wegen den resident aldaar die mij scherijt, dat op de voorge„ „drage klagten van Alap slap aande resident dat geene der madu„ „reese na zijn Commando wilde luisteren zoo heeft de resident om de wille van het gewiste der zaaken ten beste van de Comp:e en w: hoogheids volk den radeens voorgehouden of er met de tans nog verbleven Madureese niet uit te rigten was indien de outste der ra„ „deens over de nog verbleven madureese het hoofd gezag behielt aange„ merkt slap slap genegen was te huiswaarts te keeren, waar op de radeens wel verzogt hebben dat sap Alap zoo lange daar mogte ver „blijven, om dat dezelve door uw hoogheid en mij als hoofd over de madu„ „reese was aangesteld Eindelijk de resident nader hun voorgehouden de onwilligheid en ongehoorsaamheid aan de ordre van Hlapeslap zoo hebben gemelde radeens daar in genegentlijk bewilligd te meer om dat Map shap zelvs verzogt heeft te mogen truis keeren en daar toe ge„ negen was welke schikkinge dan als ten beste van de lande en u: hoogheid en mijn Eige reputatie noodzakelijk en heilzaam geoordeelt ik ook ten rolle geapprobeert heb en nu ontfangen bedeelinge dat de Javaanse brieve geschteven door den opperkoopman en gezaghebber deezer O: hoek H:r PieterLuzac aan den pan„ „gerang Adipatti Sitja Adiningrat tot Madura Javaanse Madurees

NL-HaNA_1.04.02_3364_0751 view scan ↗

English

519 From Java's East Coast The 28. Aug:s 1723. — From Java's East Coast The 8:' Aug:s 172 Madurese under the said radens and the ensign Guttenberger on command were to Cambirang with 300 Madurese to ruin the same, and that slap having pretended all Madurese were gone, now about 500 healthy Madurese were still found who for now give satisfaction and are by no means sick; this arrangement is now eight days old, and I do not doubt but my son will also be satisfied therewith, because it had to be so arranged by unity of votes and the arbitrary request of shap for the good of the country, necessarily, in order to prevent further disorder, discord, and discontent both to the Company and Your Highness. Just now I receive a letter from the Honorable Lord Governor, who informs me that His Honorable had written to and requested my son to bring in readiness, under a new brave chief, 2000 Madurese with the necessary vessels and provisions for transport, in order to cross over upon my further order; and since I am now busy regulating a general distribution of the forces throughout the Eastern Salient as well as Sumenep and Pamekasan, I rely and trust upon the assistance of my son in this latter expedition, as God grants to be projected, and wherefore I very kindly request my son to give his firm decision and thoughts on how many mantris and baturs Your Highness is to provide for his share, concerning which my son has now understood the Governor's request and intention for the best of the country; and since it is His Honorable's desire that all those forces together shall be ready towards the middle of the coming month to cross over and to assemble at Panarukan, in order thus jointly to march from Panarukan over the land route to Blambangan, it is my earnest request that Your Highness please give his thoughts and firm determination as to when and by what time Your Highness can say with certainty that you will have those forces fully ready to march, so that I might regulate myself accordingly in commanding the forces of these districts to assemble at Panarukan against the appointed time; also I request to have Your Highness's thoughts therewith as to which march route or how Your Highness would best and most favorably please to arrange the march route for his people, for all of which preparations Your Highness will please take care to have in store the vessels for their transport or crossing to Panarukan as shall best please Your Highness, and especially and above all to provide for their supply of food necessities, rice, dry provisions or otherwise, for at least two months, both for their march and their stay in the Blambangan region. Awaiting then Your Highness's favorable reflections and deliberate decisions on these matters, I hope that my son's further writing in reply to the letter to the Honorable Lord Governor will cause no impediment thereto, but, seeing with me the weight of the matter, the greatest speed being required for the preservation of the Company's and Your Highness's own interests, you will kindly please strive 521 From Java's East Coast The 8:' Aug=s 172. — From Java's East Coast The 20 Aug: 1742 to effect, so that the matter does not worsen through long delay, for I can assure Your Highness that with the assembling of the forces here in the Eastern Salient I hope to have everything ready for the march within a month, and if not within a month, at latest at the end of the coming month. Your Highness's coachman, who has recovered again, I let go over to your side, and I return herewith the letter from the Radens, and I remain for the rest with true respect /:was written beneath:/ Your Highness's affectionate friend /:was signed:/ P:r Luzac /:in the margin:/ Surabaya the 16: June 1772. — July Since my letters of the 13: daily awaiting Blambangan reports from the servants there, I only today received the general strength, from which and from the further strengths received I have formed mine, consisting of effectively serving military servants, both Europeans and Natives, which I now first have the honor to present to Your Honorable, and thus from that it will appear to you in what a short time our European force at Ulupampang and Kota has weakened, both through mortality and illness, wherefore I would indeed be hard pressed to detach the reinforcement kindly sent to us by Your Honorable entirely thither, were it not that our garrison and Pasuruan's garrison would be left behind too weak; nevertheless, I intend to select three sergeants, three corporals, and 70 common soldiers under the ensign Mirop and Bischarner for the expedition Copy of a separate missive from the commander in the Eastern Salient P:o Luzac to the undersigned, dated Surabaya the 16:' July 1722. — Copy

Dutch transcription

519 Van Javas Oostkust Den 28. Aug:s 1723. — Van Iavas Oostkust Den 8:' Aug:s 172 Madureese onder gemelde radeens en den vendrig Gutten berger op Comman„ „do waaren na Cambirang met 300 madureese om het zelve te ruineeren en dat sclap slap voorgegeven hebbende alle madureese weg waaren nu nog Circa 500 gezande madureese waaren bevonden die voor als nog genoege geven en geenzints ziek zijn, deeze bedeeling is nu agt dagen ouden ik twijffelt niet of mijn zoon zal daar mede ook genoege neemen, wijl het met eenigheid van stemme en lige wille keurig verzoek van slap shap ten beste van den lande noodsakelijk, zoo heeft moeten geschikt worden ten voorkoming van verdere wan ordre oneenigheid en ongenoe„ ge zoo aan de Comp:e als w: hoogheid. zoo even ontfang ik schrijvens van den Achtb: heer gouverneur die mij bedeell dat zijn Ed=e Achtb: mijn zoon had aangeschreven en verzogt om onder een nieuwe braaf hooft 2000 madureesen met de nodige vaartuigen en Levens middelen tot Transport ingereedheid te bren„ „gen om op mijn nadere ordre over te steeken, en wije ik tan bezig ben om een generaale verdaling der volkeren over den oosthoek gelyk als mede sinnanap en Pamacassang te reguleeren zoo verlaat en ver„ trouwe ik op de mede hulp van mijn zoon in deeze laaste, zoo als goe verleene te projecteeren Expeditie en waarom ik mijn zoon zeer vriende„ „lijk verzoeke zijne vaste besluit en gedagten op te geve hoe vel kay„ „gers en Battoors ow: hoogheid voor zyn aandeel staat te bezoogenen waar omtrent mijn zoon nu des gouverneurs verzoek een intentie ten beste van den lande heeft verstaan, en wijl het zijn Edele Achtb: begeerte is dat die volkeren alle te zamen tegen medio van de aanstaan„ „de maand zullen ingereedheid zijn om over te steeken en te versamelen na Panaroekan om aldus gezamentlijk van Panatoekan over den Landweg na balemboangang te marcheeren, zoo is mijn instantig verzoek dat vw: hoogheid desselvs gedagte en vaste be„ paaling eens gelieft op te geven, wanneer en tegens wat tijd vw: hoogheid met zekerheid kan zeggen die volkeren in volle marsch vaardig zal kunnen hebben op dat ik mij daar na mogte re„ guleeren in het Commandeere tegens de bepaalde tijd van de vol„ keren dezer districten ter versameling te panakoekan, ook verzoek ik vw: hoogheids gedagte daar bij eens op te willen geven welke marsch route of hoedanig vw: hoogheid het beste en genegen„ ste de marsch route voor zijn volk gelievde te schikken, over al welke toerusting m: hoogheid wel gelieve bedogt te zyn in voor„ raad over de vaartuigen tot hun transport of oversteking na pa„ „naroekan zoo als ww hoogheid het beste zal gevallen, en wel inzonderheid en boven alles te voorzien tot hun voorraad van mond behoeftens rijst, drooge rissen als andersints ten minste voor twee maande zoo hun marsch als verblyft in het Balembo„ „angsche. Over het een en ander dan u: hoogheids genegens te beden„ „kinge overlegen besluiten in wachtende verhope ik dat mijn zoons nadere schrijven op den briev aan de Achtb: heer Gou„ „verneur, daar omtrent geen verhindering zal veroorzaken maar met mij het gewigte der zaake inziende de meeste spoed verEijscht word tot behoudenis van sE Comp=s en w. hoogheids eige belangens genegentlijk zult gelieve te betrag„ na ten 521 Van Iavas Oostkust Den 8:' Aug=s 172. — Van Iavas Oostkust Den 20 Aug: 1742 „ten, op dat de zaake door lange uitstel niet verslimmeren want ik uw hoogheid wel kan opgeven dat ik met de versame„ „ling der volkeren hier in den oosthoek hoope heb dat binne een maand alles vaandrig tot de maasch ingereedheid te hebben, zoo niet in een maand uiterlijk in het laast van de aanstaande maand VW: hoogheids Coetzier die wederom hersteld is laat ik tan Cos„ „tijwaards overgaan en zende hier bij weder te rug de brief van de Radeens en Jk blijf voor het overige met waare agting /:on„ „derstond:/ ww hoogheids toegenegene vriend /:was geteekendt:/ P=r Luzac /:in margine / sourabaija den 16: Junij 1772. — Julij Sedert mijne Letteren van den 13: bij dagelijkse inwagting na balemboangse advise van wegen de bediendens aldaar ontfang ik huiden eerst de generaale sterkte uit dewel„ „ke en na de verdere ingekrege sterktens ik de mijne heb ge„ formeert, bestaande uit effectief dienst doende dienaare mili„ „taire zoo Europeese als Inlanders, welke ik nu eerst de Eere heb uwel Ed: Achtb: te mogen aanbieden en dus daar uit hoogst den zelven zal te vooren komen inwelke korten tyd onse Euro„ „peese magt te oeloepampang en Cotta, zoo door sterfte als ziekte verswaktes, waarom ik dan wel hart genoodsaakt zoude zijn de door ewel Ed:e Achtb:e ons guntig toegesonden versterking in zijn geheel derwaarts af te de tacheeren, zoo niet ons en passoeroouangs guarnisoen te swak zoude ag„ ter blijven, nogtans ben ik voor nemens drie zergeanten drie Corporaals en 70. gemeene soldaaten onder den vaandrig Mirop en Bischarner tot de Expeditie te laten eli„ Copia aparte missive van den gezaghebber in den oosthoek P:o Luzac aan den ondergeteeken„ „de, gebateed Courabaija den 16:' Julij 1722. — Copia „geeren

NL-HaNA_1.04.02_3364_0753 view scan ↗

English

From Java's East Coast the 28th August 1772. From Java's East Coast the 20th August 1772. choose from these the best and healthiest that we have, who since their arrival here have been trained in exercising and firing; which article I then again very humbly submit to Your Right Honourable's highly favourable consideration upon a closer relief of men, alongside the extracts of the letters received therewith, both from Mr. Heinrich and Resident Schephof, insofar as they merit Your Right Honourable's esteemed attention; to whose wiser judgment I also submit for consideration my thoughts regarding sending a letter on behalf of Your Right Honourable to the gustis situated closest to Balemboangang, in order that they may surrender into the Company's hands the rebel chiefs fleeing thither. Wherewith I have the honour, with deeply due respect and obedience, to subscribe myself, beneath stood: Title, lower: Your Right Honourable's humble and faithful servant, was signed: S:a Luzac. Herewith I have the honour to transmit to Your Right Honourable the monthly brief strength return, and therewith respectfully to report that the Native Company of Captain Abaul Brahim arrived here yesterday consisting of 102 heads, who confirm the rumours that what was already reported to Your Right Honourable regarding the deceased rebel chief Rampak, or so-called conceited Maas Willes, is true in fact; who died of a wound a few days after the attack on Bajoe, and we clearly seem to see that to date, after this deceased, the Balinese have made no further movements on account of his descent from these nations, so that it seems to redound to our great advantage. Your Right Honourable's much esteemed duplicate letters under the 2nd June I have had the honour to receive, alongside the enclosure of the Copy Extract separate missive from Captain Lieutenant Johan Gustaaf Willem Heinrich, written to the Commander in the Eastern Corner P:r Luzac, dated Sourabaija the first of July Anno 1772. Copy Honourable 525 From Java's East Coast the 28th August 1772. From Java's East Coast the 28th August 1772. Right Honourable Lord Governor and Director of this Coast of the 9th June, and I shall, according to highly venerated orders, undertake nothing without the taken advice and counsel of all officers present. Regarding the rebels at Bajoe, it is presently very quiet; it is currently rainy weather here daily, but as soon as the weather permits I shall send out a commando around Pakkum in order to destroy there the salt pans reported to me, and in the meantime, before our force for the capture of Bajoe arrives, seek to do the enemy as much damage as is possible for me. I am, God be thanked, so far recovered from my wound that I can walk again. To Your Right Honourable's ever highly respected letters of the 1st June, this serves in most respectful reply: that I express my humble thanks for the satisfaction taken in my employed measures, through the commandos, carried out to the detriment of the rebels; and the same have been executed with as much circumspection and prudence by the brave officers Jenigen, Kreegel, and Quttenberger as could be wished. By our cruising fleet, as previously, pirates were met, since then no more have been discovered, nor anything else heard from the Balinese side, and the strictest order is maintained by the provisional commander Otto regarding the supervision among the cruising fleet according to all private outside reports of his own; to whose reinforcement the European sailors and Natives expected per the Johannes Cornelis will come most urgently in handy, whereas the noted 9 Natives per the Petronella have been delivered up at Banger, according to the report of Quartermaster Boonzaak of having been ordered thereto, so that Ditto, by the Titular Junior Merchant and Resident Fredrik Schophoff to Commander Luzac at Sourabaija the 5th July 1772. Ditto reasons 527 From Java's East Coast the 8th August 1772. From Java's East Coast the 20th August 1772. the reasons why none of them have been brought here; and although the common people from Bajoe mostly take to the wildernesses through the country in starvation, they nevertheless do not seem inclined to surrender to the Company, while much of that rabble is found by our patrols and commandos to have perished of hunger in and near the wildernesses, the dogs and wild beasts dragging the skeletons about; their stubborn insolence is still so great and the inveterate rebellion seems to have taken such deep root that they would rather perish of hunger and misery than submit to grace, whatever gentle and enticing means have also been employed thereto, these having always incited them more to obstinacy than to come to repentance. Through the surrenderers, in the discovery and pointing out of the rebels' provisions and passages to our commandos, much service has already been had, and I have bestowed upon the same, for their demonstrated faithful service, a reward of some cash, rice, and small cloths, towards the further encouragement of the same and others who also seek to follow the example of the first; nevertheless, the same are kept most closely under observation with a perceptible distrust, as one might otherwise easily also be deceived thereby. I have, the severe wound causing me to abandon the command over the expedition, considered it proper to accept that direction, as from the exchanged copies of missives with Ensign Jenigen sent to Your Right Honourable you have been pleased sufficiently to verify, thus with Ditto by the said Schophoff. Ditto which

Dutch transcription

523 Van Iavas Oostkust den 28 Aug=s 172. — Van Iavas Oostkust den 20:' Aug:s 172. — „geeren van deze best en gezondste die wij hebben en die sedert hun aankomst alhier met Exerceeren en vuuren zijn gedresseert, welke articul dan wederom uwel Ed:e Achtb: hoog gunstige bedenkinge bij nader ontset van volk zeer ootmoedigt opdrage beneffen de daar bij ontfangene brieven derzelven Extracten zoo van de heer Hein„ „ricl als resident Schephof, zo verde als welEd: Achtb: g'eerde at„ „tentie is mereteerende aan welkers wijser oordeel mijne gedagten om aan de bij Balemboangang naast bij gelegen gustijs een briefje van wegen vwel Ed: Achtb: af te zenden, ten Einde zy lieden de aldaar vlugtende hoofde der rebellen in Comp=s handen komen over te leveren mede in Consideratie geeve Waar meede mij de eere geene met diep verschuldigde Eerbied en gehoorsaamheid te onderschrijve /:onderstond:/ Titul /:lager:/ uwel Ed:e Achtb: onderdanige en getrou„ „en dienaar /:was geteekend/ S=a Luzac. —. Hier nevens hebbe de eere aan vwel Ed:e Achtb: over te zenden, de maandelijkse korte sterkte, en daar nevens eerbiedig te melden, dat die Jnlandse Comp:e van den kapit: Abaul Brahim gisteren hier gearriveerd bestaande in 102 koppen die gerugten Conformeeren dat het reeds gemelde aan uw Ed: Achtb: van den overleden rebellen hoofd: Rampak of zoo genaamde verwaande maas willes, in waarheid bestaat, de„ welke aan een quetsuur eenige dagen naar de attocque van Bajoe is overleden en wij scheinen blijkelijk te zien, dat tot dato naar deezen overleden die baleijers verders geene mouvement gemaakt wegens zyne afkomst van deeze natien zoo dat het ons tot veelen voordeel scheint te gereiken uwel Ed: Actb:e zeer geagte Letteren dupticaat onder den 2:' Junij hebbe de Eere gehad te ontfangen beneffens bijlage van den wel Copia Extract aparte missive van den ka„ „pitain Luitenant. Iohan Gustaaf Willem Heinrich, geschreeven aan den gezaghebber in den O. hoek P„r Suzac gedateerd sourabaija den Eersten Julij A:o 1772. — Copie Edele 525 Van Iavas Oostkust den 28. Aug=s 173. — Van Iavas Oostkust den 28 Augj 172. — Edelen Achtb: heer Gouverneur en Directeur deezer kuste van den 9: Junij en zal ik volgens hoog gevenereerde ordre buiten ingenomen advis en beraat van alle present zijnde of„ „ficiers niets ondernemen, aangaande die rebellen op bajoe is tegenwoordig heel stil het is tans dagelijks hier regen weer, maar zoo draa als het weder permitteerd zal ik an Com„ wondo uit zenden onstreeks Pakkum om aldaar die mijn berigte zoute pannen te vernielen en onder dier tijd bevoo„ ten onze magt tot inneeming van Bajoe aankomt den vij„ „ander zoeken zoo veel afbreuk te doen al mijn mogelijk is, Jk ben zoo veroe van mijn quetsuur God zij dank her„ steld dat ik wederom gaan kan Vv wel Ed:e Achtb: altoos hoog gerespecteerde eteren van den 1 Junij, in Eerbiedigste antwoord diene, dat mijn nedrig ste dank betuige in de genoege neeming mijner aangewende mid„ delen door de Commandos het uitgevoerde tot nadeel der rebellen, en zijn dezelve met zoo veel om en voorzigtigheid door de brave offi„ Cieren jenigen, kreegel, en qutten berger volvoerd als te werschen is. Door onze kruitvloot zijn als de voorige zeerovers ontmoet zedert geene meer ontdekt, nog eenig ander van de balische zijde vernomen, en werd door den p„l gezaghebber otto de stipste or„ „dre de toesigt onder de kruis oloot volgens alle particuliere bui„ „ten zijn eige berigten gehouden tot welkers versterking de par d' Johannes Cornelis verwagtene Europeese mattroosen en Jnlanders hoogst noodzakelijk zullen van pas komen, daar de genotarde 9 Jnlanders per de Petronella op Banger zyn overgegeven volgens rapport van quartierm=r Boonzaak daar toe beordert geweest te zijn, dus die Aajdem, door den Titulair onder koopm: en Resident Fredrik Schophoff an en ge„ Zaghebber Luzac te Sourabaija den 5 Juli 172. — Adjdem redenen 527 Van Iavas OOstkust den 8:' Aug=s 172. — Van Iavas Oostkust den 20. Aug:s 172. — redenen daar van geene hier aangebragt zijn; en of schoon de gemeene hem uit bajoe meest begeven in de wildermissen door 't land int hongers nood scheinen dezelve evenwel niet geinclineerd te zijn, om bij de Comp:e op te komen, wijl van dat gesopuis veel gevonden werd, door onze pattrouilles en Commandos van hongerin en by de wildernissen gecoe„ „peerd te zyn, de houden en wilde dieven met de geraam„ „tens gaan omsleeppen, hun hardnekkige woevel nog zoo groot is ende verstokte rebellie zoo diepe wortelen scheint geschooten te hebben, dat liever van honger en Elende willen vergaan als baad te submitteeren, wat sag te en aanlokkende middelen ook daar toe aangewend zijn deese meer tot hardnekkigheid altoos hebben aangezet als tot inkeer te komen. Door de opkomelingen heeft men te ontdek„ „kinge en aanwijzingen van der rebellen levensmid„ „delen en passagies aan onze Commandos gedaan reeds veel dienst gehadt, en heb ik dezelve voor haar betoonde trouwe dienst met belooning van eenige Contanten ryst en kleedjes beschonken tot verdere ammeering van dezelve en andere die het voorbeeld van de Eerste ook zoeker op te volgen egter werden dezelve niet te min nauwkeuregst onder het oog met een hennelijk wantrouwen ge„ houden, men andersints ligtelijk ook daar door kon„ „de bedrogen worden. Ik heb het absoluit quetsuur het Comman„ „do over de Expeditie latende vaaren, die direc„ „tie aan te neemen vermeend heb gehad uit de verhandelde Copia missives met vendrig Eenigen uw Ed:e Achtb: toegezonden gekoeg„ „zaam hebt gelieven na te gaan dusdanig met Adidem door gem: shophoff. Adydem dien

NL-HaNA_1.04.02_3364_0756 view scan ↗

English

From Java's East Coast the 8th August 1732. From Java's East Coast the 28 August 1732. I have continued that officer until Mr. Heinrich was again able, some days ago, to assume command. As the Samarang light vessels can still not well be spared, only one native pantjallang and one prau mayang are further at hand, as one of the prau mayangs was stranded on the Bali Badong reef, and recently, among more of those vessels here on this shore, another ditto was likewise smashed to pieces by the severe storms. Item, further extract from the said letter of Schophoff. Item. smashed to pieces. Underneath stood: Agrees. Was signed: P. Luzac. Copy of a separate missive from the commander in the Eastern Salient, P. Luzac, to the undersigned, dated Sourabaija the 20th July 1732. Under respectful congratulations on Your Honorable Worships happy arrival at Soura Carta, intended by his most venerated missive of the 14th received by me today, I have the honor, in most obedient reference to mine since the 6th as well as those of the 13th and 16th of July, to write back: That however much now by the enclosed annexes concerning the Balemboang matters, which were just received, I have the honor to offer Your Honorable Worships most honored attention, all hope shines upon us, with heaven's merciful blessing, for the destruction of the rebels and restoration so far of those districts, yet it appears to me that one still perceives turbulent movements here and there from the side of Bali. For which reason I am then busy, with all urging for haste, to carry out to his highest satisfaction the march of our military force determined by Your Honorable Worships venerated arrangement; but I encounter many obstacles from the side of the Madurese in view of the loose and slow governance there, whereas otherwise I am in readiness with the remaining regencies, as well as Sinnanap and Pamacassang. Nevertheless, if the Prince of Madura somewhat responds to my efforts in that direction, I have hope that everything can be shipped off in good order by next Monday, and I shall not sit idle in order to be able to answer satisfactorily to the highly honored and salutary intention of Your Honorable Worship with the expedition work. Copy. under From Java's East Coast the 20th August 1732. From Java's East Coast the 28 August 1732. With the most dutiful expression of thanks for Your Honorable Worships favorable care to ship off as far as possible all the further items recently requested with cruising prau mayangs, I shall immediately send the vessels back upon receipt of the items; and it were desirable that the sloop Samarang with the requested provisions from the main station might accommodate us with the extraordinary provisions such as bacon, meat, wine, beer, etc., as the main substance remains, along with the primary article of arrack and capable scribes, since we now hope to manage with the rice and dried fish. Further, having with all earnestness prayed for heaven's precious blessings upon Your Honorable Worships honored person and the interests to be conducted in every way at the courts, with the most wished-for outcome and satisfaction, I have the honor respectfully to sign myself, as underneath stood: Title, lower: Your Honorable Worships very obedient and faithful servant, was signed: P. Luzac. Copy of a separate missive from the titular junior merchant and resident Schophoff to the commander at Surabaija, P. Luzac. Serving in reply to Your Honorable Worships always venerated letter of the 2nd of this month, that under God's blessing I find myself reasonably recovered again from my indisposition, I am working on the required papers, to wit the accounts of the expedition up to the last of February recently past, with the revised cash account and further provisions supplied by the late Captain Lieutenant Reigers, and under the name of the remaining balances conformable to the last of February, which I think to be able to send from here around the last of this month. And the 25 seafarers have arrived well here with the Johannes Cornelis, yet none from Banger for the reasons cited in my previous letter, nor any from Passoerouang have arrived to date. And I have always most earnestly recommended to our European seafarers to practice gentle treatment toward the native, and having discovered the contrary, severely punished those, of whom the sailor Robat, who came over there last, has always been the worst, about whom the native complained of being treated very unlawfully. The

Dutch transcription

529 Van Iavas Oost cust den 8:' Aug„s 173. — Van Iavas Oost kust den 28 Aug=s 172. dien officier ben blijven Continueeren tot heer Heinrich wederom voor eenige dagen in staat is geraakt het Commando aan te neemen. e Samarangse ligte vaartui„ „gen als nog niet wel te missen zijnde, is ook nog maar een Jnland„ „se pantjallangtje en een prau„ maijang meer van aanhanden, als zijnde een der prauw„ maijangs op het Balie Badongse gestrand en Jongst onder meer van die vaartuigen al„ hier op deeze wal, een dito door de swaa„ „re on weers meede Aajdem nog na„ „der Extract uit gemelde briev van Schophoff Adjdem aan stukken 531 Van Iavas Oost kust den 28: Aug:s 1732— Van Iavas Oostkust den 380:' Aug:s 172. — aanstukken geslagen /:on„ derstond/ Accordeert geteekend/ P: Luzac. /:was Copia aparte missive van den gezaghebber in den oosthoek P: Lukde aan den ondergeteeken„ „de gedateerd sourabaija den 20: Iulij 1722. — Onder Eerbiedige Conquatulatie over vwel Ed:e Achtb: gelukkig arri„ „rement te soura Carta beoogt bij hoogst desselfs gevenereerde mis„ „sive van den 14: bij mij op huiden ontfangen heb ik de eere bij ge„ hoorzaamste referte aan mijne sedert den 6:e als dien van den 13=' en 16: Julij te rescribeeren. Dat hoe zeer nu bij in Close bijlagen omtrent de Balemboangse zaaken welke zoo even ontvangen ik de eere heb uwel Ed:e Achtb: hoogst geeerde attentie aan te bieden alle hope ons vliet met 'she„ „mels goedertierne zegeninge tot vernietiging der Rebellen en her„ stelling in zoo verre met die districten, zoo komt het mij voor, dat men nog al hier of daar woelende mouvemente van de kant van baly bespeurt waarom ik dan met alle aandrag op de spoed ter opmaasch onzer door vwel Ed„e Achtb gevenereerde schikking bepaal„ „de krijgs magt na hoogst desselfs Contentement te volvoeren bee„ zig ben, dog ik ontmoet van de kant der madureese veele hinder„ paale in aanmerking van het slop en traag bestier aldaar, daar ik anders met de overige regentschappen als meede sinna„ „napen Pama Cassang in gereedheid ben nogtans zoo de prin maaa Eenigsints beantwoord aan mijne poginge daar heen hope heb dat alles tegen aanstaande maandag goede ordre zal kunnen werden afgescheept en ik zal niet stille zitten om aan de hoog g'eerde en heilsaame intentie van vwel Ed Achtb: met het Expeditie werk voldoenend te mogen beantwoorden. Copia, ondrr 533 Van Iavas Oostkust Den 20:e' Aug=s 172. Van Iavasoost Cust Onder d Aug:s 172. —— Onder schuldigste dank betuiging voor uwel Ed. Achets guntige voorzorg om al het verdere jongst gevragte met kruisprauwmayangs zoo verre mogelijk af te scheepen zal ik bij ontfangst van het een en an„ „der de vaartuigen direct weder te rug zenden; en wenschelijk was het dat de sloep samarang met de verzogte provisien vande hoofd-plaats ons met de Extra ordinaire provisien als spek, vlees, wijn bier &b:a mogte gerieven als het hoofdzakelijke nog, met het voornaam articul van arak en bekwame pennisten overblijvende, daar wij nu hopen hebben met de rijst en droge visch te zullen schikken. Doorders over vwel Ed Achtb g'eerde perzoon en allesints te verrigtene belangens aan de hoven met alle Enpressement toegebeden hebbende 'shemels dierbaare zegeningen bij aller gewenst„ „te uitslag en vergenoeging, heb ik de eere mij reverentelijk te onderschrijven, als /:onderstond:/ Titul /:lager:/ uwel Ed:e Achtb: zeer gehoorsame en getrouwe dienaar /:was geteekend:/ P=r Luzac. —. Copia Copia aparte missive van den Titulair onderkoopman en resident schophoff aan den ge„ „zaghebente surabaija P=o Lutac. Op wel Ed: Achtb: altoos gevenereerde van den 2:' deezer dienende dat ik mij onder godes zegen wederom tamelijk van mijn indispositie hersteld vinde, aan de gerequireerde papie„ „ren te waten de aanwijsingen den Expeditie tot uld:o seb=r Jongst„ „leden met de verbeterde Cassa reekening en verdere verstrekte provisien door kapit: Luiten: Reigers zalig=r en op naam der restanten Conform onder ult„o feb:r doende ben denk tegens ult:o deezer van hier te kunnen versenden en zijn de 25:' zee„ „vaarende met d' Johannes Cornelis alhier wel aangebragt egter geene van Bemjer om redenen by mijne vorige aange„ „haalde nog ook geene van passoenrouaang tot heden aangeko„ men. en het ik aan onze Europeese zeevaarende altoos een Min„ saame behandeling onder aen Jnlander op 't ernstigste aanbevolen gehaad te oeffenen, en het tegendeel ontvekt gehad de geene gevoelig gecorrigeert, waar van den laast derwaarts overgekomen ma„ „troos Robat de ergste altoos is geweest, waar over den Jnlan„ „der geklaagt zeer onligen behandelt te werden. Het 5

NL-HaNA_1.04.02_3364_0759 view scan ↗

English

From Java's East Coast, the 28th of August 1772. From Java's East Coast, the 28th of August 1772. It has indeed seemed, since the presumed Wilis Rampak perished at Bayu and the Balinese received word of his death, that nothing more has been discovered of them, nor will any have crossed over to Bayu since; nevertheless, on the 12th of this month, three small gonchings were discovered in Bali Strait pulled up onto the shore in a creek, which were observed very closely by our cruisers, and our cruisers assure me that of the 7 pirate vessels previously mentioned, they completely shot to pieces some of the same, which were dragged broken into the woods on the Balinese shore, the crews having taken flight with the rest. The commander of Adirogo, Fispcheer, informs me by letter of the 2nd of this month that four vessels were previously seen off Nusa heading eastward from there, which must presumably be Balinese who correspond with those islanders. Alap Alap departs from here today on a Madurese mayang prahu with some sick, under a pass granted to him, with orders to report to Your Right Honourable, and in my opinion it is also very advisable that all Madurese be made to leave from here before the new ones arrive; I shall seize every opportunity with vessels to prevent them from meeting. I am most anxious to see the new expeditionary force arrive, with the necessary rice for their food, in order to see a complete end to this stubborn and hardened rabble; very few or none of these present European soldiers can be used for that expedition, and we shall have to manage solely with those arriving with the train to Bayu. Having duly received the extract letters from Their High Mightinesses and the Noble Governor of this coast, I express my humblest thanks for sending them, according to which I shall take my measures in the future on all occurring occasions, and I have as yet found no opportunity to carry out the commission assigned by the Noble Governor to the Prince of Bali Badung. Captain-Lieutenant Heinrich's wound, having healed as many as two times, has turned into a new ulceration, so that he is unable to make any movement with his body; nevertheless, I have the honour to inform Your Right Honourable that I continue to oversee the command of the expedition resumed at Kota, and also that I have discovered some rice and maize fields situated to the west of here near the villages of Tomogora and Simbuloan. Today a detachment of Sumenep native soldiers and some Balambangans, numbering 380 heads under Ensign Rood, has marched thither to destroy those crops in the fields and to drive the people staying there, if they cannot capture them, back to the hideout of Bayu, along with all those people found to the west who have gone out of Bayu solely to seek food due to famine; although they are exhausted everywhere and a number are found completely starved to death, they seem none the less inclined to submit. Wherewith I have the honour, with due respect and esteem, to call myself, below: Title; lower: Your Right Honourable's very submissive servant; was signed: H.k Schophoff; in the margin: Ulupampang, the 15th of July 1772; still lower: P.S. I also have the honour to inform Your Right Honourable that I have received seven koyans of rice from Pasuruan and one ditto from Panarukan in these days, and yesterday, through those who came up from the hideout of Bayu, it was reported that the boldest chief mantri among the rebels, Inche Gililok, as well as the said mantri Sininjaye, perished in that hideout a few days ago; the first-mentioned is said to have been poisoned, and the second died from the general lack of provisions; below: Agrees; was signed: P.r Luzac. In humble response, I have the honour to reply to Your Right Honourable's esteemed letter of the 3rd of this month that, through God's goodness, I have recovered reasonably well from my recent illness beyond my own hope and expectation; and doing everything possible to carry on the necessary delayed clerical duties, I hope, with continued health and the help of Feij, Faber, and Heineman—who, having arrived, remain healthy—to settle everything within two months if God, to which we have the pleasantest prospect, grants a speedy end to these disturbances. However certain it is that the presumed Wilis Rampak perished at Bayu, and the so-called Pangeran Seputeh Cambiran was killed, and some lesser chiefs like Lavat, Endo, and Roppo recently perished in Bayu or still lie mortally ill solely from lack of food, with the entire rabble in the utmost misery; and as is continually reported both by those coming up and by those sent out across the villages to inquire after their condition, that they already leave the dead unburied in the gardens at Bayu, which will cause an unbearable stench and contagion; this rebellious people seems as if firmly resolved rather to perish for the most part than to submit to the Company, which must be considered confirmed because so many starved to death are found everywhere near the villages and in the wildernesses, and many who, lying and crawling without being able to walk any longer, take their nourishment only from wild grass; and it was further recounted by the aforesaid that this rebellious people would indeed surrender if... Copy of the private letter from Mr. Schophof to the Commander at Surabaya, P.r Luzac, dated the 15th of July 1772. Copy, as...

Dutch transcription

535 Van Javas Oostkust Den 80 Aug:s 172. —. Van Iavas Oost kust Den 28. Aug„s 172. — Het heeft wel gescheenen zedert dat den gewaande willis Rampak te bajoe gecrepeert is, de baliers weet van zijn dood hebben verkoegen, zeedert niets meer van dezelve ontdekt is, nog ook geene zedert na Bajoe zullen zijn overgekomen: zyner egter den 12: deezer drie kleine gontings voor straat balie in een kriek op die wal gehaald ontdekt, die door onze kruissers zeer na by observeert werden en willen my onse kruissers versekeren dat van de voor hen gementioneerde 7 zeeroveres vaartuigen eenige gansch te niet geschooten hebben dezelve op de balische wal stukkend in de bossen opgehaald hebben, de volkeren daar van met de overi„ „gen de vlugt te hebben genomen: komt mij den Adirogos Com„ mandant fispcheer bij brieff van den 2: deezer bedeelen, dat er bevorens vier vaartuigen van Noessa gezien, die oostwaards van daar zyn gp„ „gesteevend, dat dog presumptelijk baliers moeten weezen, die met die Eijlanders Correspondeeren. Alap Alap vertrekt op heeden van hier perlen madureese prauw maijang met eenige zieken, onder een opgelij passen aan hem verleend, met bevel om bij vwEd: agtb: aan te geeren, en is het mijns dinkens ook zeer roadsaam men alle madureesen van hier laat vertrekken, voor dat de nieuwe aankomen zal ik daar toe alle gelegentheid met vaartuigen waarnemen hun geene ont„ „moeten voor te komen: ten zierste ben ik verlangende na de nieuwe Expeditie magt eens aangekomen te zien, met de benodigde rijst tot hun roedsel, om een volkomen Einde van dit hartnekkige en verstokte gespeis te zien, zullen zeer weinig of geen van deeze presente Europeese soldaaten tot die Expeditie kunnen gebruikt wer„ „den, het eenelijk met de aan te komene bij den Trein na Bajoe zullen moeten zien te stellen. —. De Extract missives van haar hoog Edelens en den Edel heere gou„ „verneur deeser kuste wel ontfangen hebbende, betuige mijn ne„ „drigste dank voor dies toezending, waar na mijn maatregulen in het vervolg bij alle voorkomende gelegentheiden zal nemen, en heb jk als nog geen gelegentheid kunne vinden om de opgedraage Commissie van de Edel heer Gouverneur aan balie badongs vorst uit te voeren. —. De quetsuur van den kapit: Leiten:t Heinaich wel tot twee„ „maal genersen zijnde zig tot een nieuwe versweering gezegt dat buiten staat is eenige beweeging met zijn lighaam te kun „nen maaken, egter het wederom aangevaarde Commando te Cotta over de Expeditie blijf observeeren, heb ik de eere uwel Ed:e Achtb. te bedeelen, als mede dat nog ontdekt heb eenige rijst en Jagongs plantagies van hier om de west gelegenbij de nogorij Tomogora En simboeloaan heden van hier een Commando van sumanappers Jnlandse militairen een Eenige Balemboangers ten getalle van 380: koppen onder vendrig rood derwaarts is gegaan om die gewas„ „sen op de villen te ruiveeren, ende hun aldaar onthoudende vol„ „keren alse niet gevangen kunne nemen na het schuilnest Ba„ rijst 537 Van Javas Oostkust Den 28. Aug:s 172. — Van Iavas Oostkust Den 28 Aug=s 172. — „soe wederom te rugte Jagen met alle die om de west gevonden ver„ „dende Volkelen uit hongersnood, dog maar eenelijk uit bajoe voedsel te zoeken zijn gegaan, al hoewel zee over al uijtgeteed bij na er een partij g'eheel dood van hongerd gevonden werden dog hoe min tot onderwerping scheinen geinclineert te zijn — Waar mede de eere geniet niet verschuldigde Eerbied en ontzag mij tenoemen /:onderstond:/ Titul /:lager:/ uwel Ed:e agtb: zeer submissen dienaar /:was geteekend:/ H=k schophoff /: in margine:/ Oeloepampang den 15 Julij 1772. /: nog lager:/ P: S: Nog hebbe de eere wwel Ed: Achtb: te be„ deelen als dat ik seeven Coijangs rijst van Passorouang en een dito van Panaroekan deezer dage ontfangen heb, en gisteren door op komelingen uit het phuilnet bajoe berigt dat het stouste hoofd mantrie onder de rebellen Jntje gielilok voor eenige dagen als mede den dito mantrie sininjaje in dat schuilnest gecrepeert zijn eerst gemelde zeggense vergeven te zijn, ende Twede uit het algemeen gebrek van levensmiddelen /:onderstond:/ Accordeert /:was geteekend:/ P:r Luzac. In nedrige rescriptie heb ik de eere op vwel Ed: e agtb: gehonoreer„ „de van 3: deezer te dienen als dat ik door godes goedheid wederom tame„ „lijk van mijn laatste ziekte buiten eige hoop verwagting hersteld bemen „de nodige veragterde schrijft dienst na alle mogelijkheid doende ben voort te zetten verhoop ik bij aanhoudende gezondheid met behulp van de Feij Faber en Heineman als aangekomen is gezond blijvende alles binnen de twee maanden te zullen vereffen als ons god, waartoe de aangenaamste uitzigt hebben, een spoedig Einde verleent aan deeze onlusten. Hoe zeker het ook wel is dat den gewaande willes Rampak te bajoe gekrepeert, en zoo genaamde pangerang sepoete Cambiran gesneuvelt is, en eenige mindere hoofden als Lavat, Endo en Roppo in bajoe jongst gekrepeert en nog dood ziek leggen eenelijk uit gebrek van roedsel met het geheele gespeus in de uitersteelende, werden ge„ „duurende berigt zoo door de opkomelingen als de uitgezondene over de negorijen na hun staat te vernemen zijn gekomen dotse de dooden in de Thuinen te bajoe alreeds onbegraven laten leggen een on„ „verdraagelijke stank en besmetting zullen veroorzaaken scheint dit rebellische volk wel als vast besloten te hebben liever mees„ „tendeels te willen vergaan als hun aan de Comp:e te onderwerpen als voor bevestigt moet aanmerken wijler over al bij de negorijen en in de wildernissen zoo veel dood verhongerde gevonden werden, en veele dieals leggende en kruijpende zonder meer te kunnen gaan hun roedsel maar van Losen gras nemen, en werder dood voormelde bij verhaald, dat dit rebellisch volk wel wilde op komen, alse Copia uit de Particuliere briev van de heer schophof aan den gezaghebber te sourabaija P=r Luzac, gedateerd den 15: Julij 1772. — Copia, zoo

NL-HaNA_1.04.02_3364_0761 view scan ↗

English

From Java's East Coast The 28th August 1772. From Java's East Coast The 8th August 1742. had not committed so many outrages against the Company, for which they could never obtain forgiveness, found him too much convinced. It can also be gathered that they, feeling their weaknesses and foreseeing their ruin, sense it is near, because in the negorijen they now begin to listen to reason from single emissaries without doing violence to them, bringing forward their complaints as related before. And it was furthermore confirmed that the strength of the rebels in Bajoe is now very slight, and that Boppa Lavat is said to have relinquished the chief command; the same having been assumed by Endo, who intended to bring the common people under very strict discipline, whereby a great disturbance and revolt is said to have arisen. They still have a good quantity of weapons, but very little gunpowder; that which they recently received from Bali is also very bad Chinese powder, so they say. By means of the Sumenappers, Malays, and some Europeans, there would have been a prospect of making an attempt on Bajoe with an officer, according to the reports of the rebels' weakness. But there was no chance to bring the heavier ordnance along with the ammunition of war and provisions due to the desertion of the battoors, as the artillery must absolutely be carried thither, since the gun carriages with their wheels and ironwork are so old, the wood completely rotted, and the iron fittings thoroughly rusted through from age. Underneath stood: Agrees. Was signed: P. Luzac. Copy of a separate missive from the commander in the Eastern Corner, Pieter Luzac, to the undersigned, dated Sourabaija the 29th July 1772. Since my respectful letters and communication concerning the expedition troops and Balemboang affairs of the 16th and 20th of this month, I had the honor to receive Your Honorable Worships' ever-venerated missive of the 21st of the same month, accompanied by the highly honored extract of a separate missive from Their High Mightinesses; to both of whose respected contents I serve in humble rescription: That I have already given orders for the recruitment of as many native Easterners as will possibly be obtainable here, which, taking into account and in dutiful compliance with Your Honorable Worships' orders (though no Javanese, battoors, or others who might fall under that category), will be few; yet I shall employ all diligence, as far as is in my power, to complete two companies, in order that they may be ready towards the middle of August or in that month. The Prince of Maduwa has nevertheless, upon my strong urging, today sent his chiefs hither for the newly projected Copy projected From Java's East Coast The 28th August 1772. From Java's East Coast The 30th August 1772. forces, and the same, according to the prescribed number of 200 warriors, will all be embarked by next Monday the 3rd of August. Nevertheless, I was obliged, at the urgent instances of that prince, to assist His Highness with one hundred vessels and three small pantjallang for transport, as well as with the necessary rice, since His Highness even recently made known to me that he did not have so much rice to contribute even for the provisions and further dispatch for the time of his march to Balemboangang. Thus I have been compelled, subject to further accounting upon the highly venerated disposition of Your Honorable Worships, to provide upwards of 100 coyans of rice. I have already demanded of Resident Faure that which the Sumenap Regent is incumbent to perform, sending along the letter for the Regent accompanied by mine, for the friendly yet no less earnest recommendation to increase his expedition troops to 1,500 heads, under the special favor from Your Honorable Worships promised in writing to him; as I have received letters from both the Resident and the Regent stating that the first demanded 500 heads were about to be transported to the appointed rendezvous, who will likely have already arrived there. Therefore, on account of the adverse season, the assembly at Panaroekan cannot be so uniformly arranged without one or the other of them being forced to suffer some days of delay there, which could frequently cause desertion and estrangement, as well as some discontent or disorder from the assembly of diverse nations. Together with the Pamacassang troops who will be there at the same time, I will have them moved up quietly to the Cotta by Ensign Dijkman, while I furthermore intend tomorrow, Thursday, to embark for Panaroekan our European detachment consisting of three sergeants, four corporals, and 100 soldiers, under the Ensigns Ekrop and Ostrowskij; which latter, being now fully recovered again and already accustomed to that climate, I have commanded at his own request in place of Ensign Bischarner; with whom also the Sourabaija, Grissee, Sedajoe, the, and

Dutch transcription

539 Van Iavas Oostkust Den 28 Aug:s 172. — Van Javas Oost kust Den 8:' Aug:s 1742. — zoo veel boosheden niet tegens de Compagnie hadden gepleegt, waaromse nooit overgiffenis konde verkrigen, hem te zeer over„ „tuigt vonden is ook wel na te gaan datse om haare gevoelende swakheiden voorziende ondergang, gevoelen na by is wijlse op de negorijen nu redenen beginnen aan te hooren van enkelde zendelingen zonder deselve geweld aan te doen haare klagten bij brengen als voor verbaald: en werder wel Conform geconfirmeerd der rebellen sterkte zeer gering meer in Bajoe is en dat Boppa Lavat van het hoofd gebied zoude afgesien hebben, het zelve door Endo was opgevat het gemeen onder zeer scherpe tugt heeft meenen te brengen een groot genoos en oproea daar door zouw ontstaan zijn hebbense nog wel een goed partij wapenen, maar zeer weijnig kruit, datse jongst van balie gekreegen ook zeer slegt Chinees kruit zeggense — Door de sumanappers, Maleiers en eenige Europeesen zouwel uitzigt hebben geweest een tentamen op bajoe met een offi„ „ciea te doen na de swakte berigten der rebellen, maar geen kans was er om het grover gestut met de amunitie van oorlog en vivres te brengen met het verlopen der battooos daar het geschuit absoluut derwaarts moet gedragen worden wijl de affuiten met hun radeen en beslag zoo oud is de hou„ „ten gantsch vermolmt en het ijser beslag van ouderdom deur verroest /:onderstond:/ Accordeert /:was geteekend:/ P: Luzac. Copia aparte missive van den gezaghebber in den o:s hoek P=r Suzac aan den ondergeteekende ge„ „dateert sourabaija den 29 Iulij 1772. — Sedert mijne gehoorsaame Letteren en bedelinge over de Expi„ ditie volkeren en balemboangse zaaken van den 16: en 20: dee„ zer hadde in de eere te ontvangen uwel Ed: Achtb: al„ toos gevenerendeerde missive van den 21: derzelver maand verseld van hoogst g'eerd Extract aparte missive van hun hoog Edelhedens; op welkers een en ander g'eerbiedigde inhoud in submisse rescriptie diene. Dat ik bereeds heb ordres gesteld ter aanwerving van zoo veele natures„ „le oosterlinge als maar bij mogelijkheid alhier zal te bekomen zijn welke in aanmerking en ter schuldig na koming vwel Ed=e Achtb: beveelen /: dog geen Javaanen bat„ „toors of andere daar onder mogende sorteeren:/ weinige zul„ „len zyn, daar ik egter als my mogelyk tot a Ccompleteering van twee Comp:e alle de voir zal aanwenden ten Einde te„ gens medio aug=o of in die maand kunnen in gereedheid zyn. De prins van Maduwa heeft evenwel op mijn ster„ „ke aansporing huiden zijne hoofden tot de nieuw gepro„ Copia Jecteade 541 Van Iavas Oostkust Den 28: Aug=s 172. — Van Iavas Oostkust Den 30:' Aug:s 172. — „jecteerde volkeren herwaarts gezonden, en zullen dezelve na het aangeschrevene getal van 200. krijgers tegens aan„ „staande maandag den 3: aug=s alle ingescheept worden, nog„ tans ben ik genoodzaakt geweest op saake instantien van dien prins hoogst denzelven met hondert vaartuigen en drie kleine pantjalling ter Transport te assisteeren zoo wal als met de nodige rijst, daar zelfs zijn hoogheid mij laas„ telyk nog heeft te kennen gegeven dat zelfs tot afschap als verdere depeche voor de tijd hemner op marsch na Balemboangang zoo veel rijst niet had te Contribu„ eeren, zoo dat ik genoodsaakt ben geweest egter tot na„ dere verantwoording bij hoog gevenereerde dispositie van wel Ed Actb: reim 100 Coijange ryst te laten versterkken. — Ik heb den resident Faurae bereets gedemandeert 't welk den saemanap regent te nakoming is in Cumbee„ „rende, onder toe sending van den brief voor den regent versell van de mijne ter vrindelijk dog niet min Ean„ stelyke aan beveling zijner Expiditie volkeren te ver„ meerderen tot 1500 koppen onder de hem aangesz bisondere gunst bewijsing van wwel Ed: Achtb: daar ik zoo van den resident als regent aan schryvens heb ontvangen dat de eerste geEischte 50o koppen nade bepaalde rendevous ston„ „den getransporteert te worden, welke denkelijk daar al zul„ „len zijn gearriveerd dus dan om de wille moat hindigen saison de versameling te panavoekan zoo Conform niet kan geschikt worden of de een of ander der zelver zijn aan eenige dagens vertorvens aldaar genoodscat,'twelk dikwerf verloop en verwijdering zoude kunnen veroorza„ „ken en ook de versameling van diverse natien eenige mal„ Contentement of dis ordre, beneffens de pamacassang„ „se die te gelyk daar zullen zijn door den vaandrig dijk„ „man zoetjes aan na de Cotta zal laten opvoeren, terwijl ik verders voornemens ben op morgen donderdag onze Europpeese matcsit bestaande in drie zirgeants, vier Cor„ „poraals en reosoldaten, onder den vendrigs ekrop en os„ „trouwskij welke laatste als nu weder ten volle her„ steld zijnde indat Climaat bereets gewoon in plaats van den vaandrig Bischarnea op zyn eige verzoek heb gecommandeert na Panaroekan af te scheepen met dewelke mede de soucabaijse grissee sedagoese den en

NL-HaNA_1.04.02_3364_0763 view scan ↗

English

543 From Java's East Coast, the 28th of August 1772. From Java's East Coast, the 28th of August 1772. and the people of Lamongan will depart, whom I would then have march gently toward Cotta under Ensign Astrouwskij with half of the also detached Europeans, while Ensign Mirop in the meantime, once the Madurese forces have all gathered in good order, would lead them thither with the other detachment of our Europeans, which I hope may carry Your Right Honorable's favorable approval. And because the bupati of Pamacassang has so far complied with and shipped the 500 head imposed and ordered upon him, yet only in 340 able-bodied men and 160 boys, I have most earnestly and urgently written to him to complete the force to 500 sturdy warriors in order to fulfill this at the earliest opportunity. I have written in most dutiful observance regarding the most favorable disposition of Their High Excellencies concerning the regent of Sumanap, and the appointment of the regent Aria Tjacra Diepoera as regent of Pamacassang, and demanded to regulate and deploy the forces of the regent there, Neti Nagara, in such a manner as they may best answer to the Company's true interest, both in satisfying Their High Excellencies' requirement and in protecting his lands and repelling enemies. In our recent requisition, we submitted everything we could imagine necessary for the presently planned expedition, so that, if it is fulfilled, the requirements of war munitions, provisions, etc., may be sufficient for two months; but with regard to the new project framed by Their High Excellencies for a more redoubtable display by a greater force than has occurred until now, I shall have the honor to supply the lacking necessary means of war munitions and provisions in a subsequent specification, although Oeloepampang is well provided with all necessary munitions and artillery goods for a vigorous attack; and for the present, the principal points of further necessities will be good, capable sailors to man our small vessels, arrack and extraordinary nourishment for our Europeans, beer, wine, meat, bacon, etc., two or three good 543 From Java's East Coast, the 28th of August 1772. From Java's East Coast, the 28th of August 1772. and capable clerks to prepare the trade as well as further train papers, two or three assistant surgeons, just as I am also most urgently requesting the sloop Samarang and especially the so graciously promised soldiers; thus, the enclosed communication from the Resident Schophof, by his letters of the 21st of this month, which I have the honor to present to Your Right Honorable's respected attention, will, I believe, merit consideration; my thoughts are, with God foremost, that the rebels will perish in their own evil and obstinacy, whereas otherwise those rebels will indeed be brought to reason again by force of arms; for, the Company having already conquered that district and held it in possession, in my humble judgment an association with them would only make them bolder and more stubborn, unless covert machinations were framed from the side of Bali to bring that district down under their yoke, which, as is known, has frequently moved Their High Excellencies to equip a more redoubtable force; otherwise, as may be hoped on good grounds, a desired provision may be made with this planned force under the assistance of God, which may God grant. Upon further solicitation by the envoys of the King of Bali, I shall permit them to purchase here only one vessel measuring seven fathoms in length and two fathoms in breadth. The arrangement concerning Ensign Mirop I shall defer to the head of the expedition, in accordance with the resolution to be taken there by him on par with the Resident, officers, and native chiefs regarding the advance and expedition, just as I have written to that captain to begin and regulate the affairs of the expedition with clearer signs of unanimous voices and arrangement. By a beginning of the delivery, the regents have answered to their promises, and I shall encourage them continuously; nevertheless, I express to Your Right Honorable respectful thanks for the favorably promised accommodation, of which, however, no vessels from Samarang have arrived to date. Furthermore, I express my respectful thanks for the favorable elucidation regarding the establishment of the [illegible] by Their High Excellencies.

Dutch transcription

543 Van Iavas Oostkust den 28: aug=s 172. — Van Iavas oostkust Den 28: Aug:s 172. — en Lamongangse volkeren zullen vertrekken welke dan onder den vendrig astrouwskij met de helft den mede afgedetacleerde Europeese zoetjes aan na Cotta zoude laten opmarscheeren terwijl de vendrig Mirop intusschen, dat de madureesche magt alle in goede ordre versamilt zullen zijn met het ander smal-deel onser Euro„ ppeesen deselve derwaarts zoude opvoeden 't welk ik verhoope dat wwel Ed=e Achtb: gunstige approbatie mag weg dragen. En wijl de bepatty te pamacassang in zoo verre wel voldaan en afgescheept heeft de hem opgelegde en aan„ geschreven 500 koppen, dog Eenelijk in 340. neerbare man„ nen, en 160 batteons zoo heb ik hem de aCcompletering tot 500 kloeke krijgers om daar aan met den eerste te vol„ „doen ten ernstigst en pressants aangeschreeven. Ik heb de gumnstigste dispositie van haar hoog Edelh=s omtrent den regent te sumanap, ende aanstelling van den regent Aria Tjacra diepoera tot regent van pamacas„ sang ter schuldigste observanse aan geschreeven en gedeman„ „deerdt de volkeren van den regent aldaar Neti Nagara te reguleeren en projecteeren zodanig als dezelve het best in voldoening van hun hoog Ed: requist zoo wel als ter dekking zijner landen en afweering van vijanden zullen kunnen beantwoorden aan Comp=s ware belang= Wij hebben Jongst bij onzen Eijsch opgegeven al wat voor de presente geprojecteerde Expeditie hebben kunnen denken nodig te zijn zoo dat daar voldoan werdende voor dezelve van het nodige tot kruigs ammunitie, vivres &:a voor twee maanden toerijkende zal kunnen zijn, dog ten aanzien van het door haar hoog Ed:le nieuw veraamt projest tot een redontabler vertooning door een grooter magt dan tot hier toe gescheed is zal ik de eere hebbe de ontboekende nodige middelen van krygs ammunitie en vieres bij nadere opgave te suppediteeren schoon oeloepamn„ pang tot een vigourreuse attacque van alle het nodi„ „ge ammunitie en Aathillery goederen wel is voor sien, en voor het tegenwoordige als nadere be„ nodigtheden de voornaamste poincten zullen zijn goede bekwame mattroosen tot besetting onzer kanis vaartuijgen Arak en Extra ord:re naversing voor onse Euro„ „peese, bier wijn, vleesh, spek, V: &:a twe of drie goe„ in de 543 Van Iavas Oost kust den 28 Aug=s 1772. — Van Iavas Oost kust Den 28 Aug=s 172 „de en bekwaame pennisten tot het negotie als verdere Trains papieren te formeeren twee of drie ondermeesters gelijk almede om de sloep samarang in sonderheid de zoo gratieus beloofde militairen zeer instandig ben versoekende, zoo in Close bedeeling van den Resident schop hof bij zijne Letteren van den 21: dezer welke de eere heb vwel Ed: Achtb: geEerde attentie aan te bieden geloof, zal mi„ „riteeren zijn mijne gedagten met god de voorste; dat de rebellen in hun Eige kwaad en hartnekkigheid zullen ovr„ „komen daar andersints die rebellen door kragt van wa„ „ppenen wel weder tot reede zullen te brengen zijn, want de Comp:e bereets dat district geconquesteert en in possesie bezeten zoude mijns geringe oordeels en assopiatie met deselve hun niet dan stouter en hardnekkigca: doen worden ten zij van de kant van balij bedekte„ „lijke machinatien om dat district neder onder hun Juk te brengen wierden beraamt, welke dikwerf hun hoog Ed: bekent tot uitrusting van een redoutabler magt heb„ „ben bewogen andersints zoo als op fundament kan gehoopt werden, met deeze geprogecteerde magt onder den bij„ „stand godes een gewenschtelinde voorzien mag 't welk god ver „leene Bij nabere instantie van balijs konings zendelingen zal ik hun permitteeren alleenelyk een vaartuig lang seven en breed twee rademen alhier te mogen inkoppen. De schikkinge over den vendrig Mioop zalik aan het hoofd der Expeditie defereeren na het besluit als aldaar door hem aupair met de resident officiere en Jnlandse hoofden tot den opmarsch en Expeditie zal werde genomen gelyk ik dien hopman heb aangeschreven om de zaaken der Expeditie met meerder blijken van uwanime stemmen en schikkinge te beginnen en te reguleeren Door een begin van de leverantie hebben de regenten aan hunne beloften beantwoord, en zal ik hen bij Continuatie aanspooren, nogtans betuige ik wel Ed: Agtb: Eerbiedige dank voor guinstig toegezegde te gemoed koning waar van egter tot heden nog geen vaartuigen van samarang aan„ „gekomen zijn. — wijders betuig in myne Eerbiedige dank voor de gun„ stige Elicidatie over de inrigting van de door hun hoog Edel„ „ stand hedens

NL-HaNA_1.04.02_3364_0765 view scan ↗

English

545 From Java's East Coast, the 28th of August 1772. — From Java's East Coast, the 8th of May 1723. — demanded separate account of today, and having prayed for Heaven's favors upon Your Honorable Respected regarding His utmost achievements and journey to the courts, with the enjoyment of a content, healthy return to his government, I have the honor respectfully to subscribe myself, underneath stood, Title, lower, Your Honorable Respected's very obedient and faithful servant, was signed, P: Luzac, in the margin stood, P: S: After the completion of this, there arrived here the Juragan Abaul Cariem Ambal, bringing along the European and Javanese who had remained there at Badong, though without a letter, whose stated declaration I then have the honor to accompany herewith, which latter person, upon the recommendation of the Juragan, requested me to accompany him to Batavia in his service for daily wages, in order to return home from there again, which I permitted him under favorable approval of Your Honorable Respected, and had his name, place, and chief noted down accompanying on the pass of the Juragan. Furthermore, I come very humbly to inform Your Honorable Respected that now for some days a party of people, all starved, have come to surrender from Bajoe, who recount This morning there arrived here the Chinese Pauw Feansieng with his gontings from Bali Badong, bringing along the soldier Fredrik August Spicten, stranded from the prauw mayang on the Badong coast, which soldier I hereby return with the aforementioned Chinese navigator towards Batavia to Your Honorable Respected for examination of his experiences, letting him relate them himself, and said Speeten reports that the sailor Fredrik Willem de Wit passed away at Badong on the 2nd of this month; whereby I have the honor to inform Your Honorable Respected that, upon his humble request, I provided the repeatedly mentioned Speeten with his rightful board money and rations for said absent time until the ultimate of this month. Copy of a separate letter from the Resident Schophof to the Commander at Sourabaija, P: Luzac, dated Oeloepampang, the 21st of July 1772. — Copy that — 547 From Java's East Coast, the 30th of August 1772. — From Java's East Coast, the 30th of August 1772. — that mortality now completely takes the upper hand in that hideout from famine to such an extent that they not only leave their dead lying unburied outside around, causing an unbearable stench and contagion, but even murder one another among themselves for the least bit of food, among which another starved man confessed before me here that he had even already committed three murders to get hold of some jagung to appease his hunger; that the chiefs, like Larat, Eerdo, and Roppo, for some days already have had no grains of rice nor jagung left to consume, and also in the entire country nothing of those grains was to be found anymore, which is also confirmed by those previously displaced from Bajoe over the villages, as well as by the prisoners of war through Ensign Rood, who recently searched all villages, forests, and fields from here to the west for four days; no provisions were to be found anywhere anymore except sago and pinang trees, aside from a large rice field near Gomoro, and a small one planted at Waloe, which would have become ripe within the month, also ruined to the ground. Everywhere people have been found in the villages and wildernesses, of whom those who were still somewhat able-bodied saved themselves into the forests; however, partly half and a party entirely dead remained lying, emaciated from hunger, and thus it is generally situated. Whithersoever one sends single persons, these now quietly let them go near and around them without giving them any harsh words, much less committing their old malicious murders, and the newcomers wish to assure that all the common folk still capable of walking from Bajoe would have deliberated to surrender, for otherwise they must all perish therein shortly, however much the chiefs still sought to assure them that here all newcomers were being put to death; and also consecutively confirming that the boldest chief, Intje Tjielelok, likewise died miserably and Bappa Malm was murdered by Ende, that already various minor chiefs had died miserably as well, and also had absented themselves under the common folk from Bajoe. Both previously and as of now, I have for a long time very accurately examined the newcomers and prisoners of war as to how many people, to their knowledge, had died from their villages within the time of one and a half months in Bajoe and in the villages, and on average they state that fully two-thirds died miserably of hunger.

Dutch transcription

545 Van Iavas Oostkust den 28: Aug=s 172. — Van Iavas Oostkust den 8:' Meij 1723. — „hedens gevorderde aparte reekening en vwel Ed: agtb: over hoogst desselfs verrigtinge en rijse aan de hoven bij het genot van vergenoegingen gezond retour ten zijner gouver„ „nement shemels goedgunstigheeden toegebede hebbende, zoo geeve mij de eere reverentelyk te onder schrijve /:onderstond/ Titul /:lager:/ uwel Ed: Achtb: zeer gehoorsaame en getrouwe dienaar /:was geteekend/ P: Luzac /:in margine stond:/ P: S: Na vervaardiging deses arriveerd alhier de Juragan Abaul Cariem Ambal, mede brengende de te badong aldaar verbleven Europees en Javaan, dog zonder brief welkers opgegeven verklaaringe ik dan de eere heb hier bij nog te laten versellen welke laatste mij op voordraagt van de Juvragan verzogt heeft na batavia in zijn dienst voor dagloon mede te gaan om van daar weder thuis te keeren, 't welk hem onder gunstig approbatie van uwel Ed: agtb: heb gepermitteerd en desselfs naam plaats en hoofd op de pas van de Juragan mede gaande aan laten tekene Voorts kome vwel Ed: Achtb: zeer otmoedigst bedeelen dat er nu eenige dagen lang hun een paatij volkeren alle uitgehon„ gerd uit Bajoe zijn komen inderwerpen, die verhaalen Heden morgen arriveert alhier den Chinees Pauw Fe„ „ansieng per zijn gontings van balie badong mede brengende den van de op 't Badingse per prauwmaijang gestrande soldaat Fre„ drik August Spicten, welke soldaat ink bij deezen met voormel„ „de Chinees navigant Batavia waarts retourneert tot uwel Ed:e Achtb ter Examinatie van zyn wedervaaren zelfs te retateeren laate overgaan, en berigt gemelde speeten dat aen mattroos Fredrik Willem de wit, den 2:e deezer te badong overleden is; waar bij de eere heb vwel Ed:e Achtb: te bedeelen, aan meermelde speeten zijn Competeerende kost penningen en Randsoenen voor gemel„ „de absente tijd tot ult:o deezer op zijn nedrigt verzoek verstrekt heb- Copia a Copia apartbriev van den resident schophof aan den gezaghebber te sourabaija T: Luzac, gedateerd oeloepampang Den 21: Julij 1772. — Copia dat — 547 Van Iavas Oostkust den 30 Aug=s 172. — Van Iavas Oostkust Dden 80 Aug:s 172. — dat de sterfte nu ten eenemaal in dat schuilnest zodanig uit hongersnood de overhand neemt datse haare dooden niet al„ leen buiten om onbegrave laten leggen, een ondragelijke stank en besnietting veroorsaakt, maar hem om het minste roedsel onder Elkander vermoorden waar onder anderen een meede uitgehongerde voor my hur beleed, dat hij reeds zelfs drie moorden had gedaan om eenige Jagons magtig te werden zijn honger te stellen; dat de hoofden als Larat, Eer„ „do en Roppo reeds in eenige dagen geen korl:t ryst nog Jagons meer hadde gehad om te genuttigen en ook in het geheele land van die korls niets meer was te vinden 't welk ook door de voorheen van Bajoe over de Negooijn uit gewee„ „keren bevestigt word, als mede door de krijge gevan„ gene door vendrig Rood Jongst van hier om de west, vier dagen alle negorijen bosschen on velden door gezogt; geene levens middelen nergens meer zijn te vinden geweest als Sago en pibang boomen behalven een groot rijst reld bij Gomoro, een klein te waloe aangeplant, die binnen de maand zou rijp geworden zijn, mede tot de grondgetui„ „neert is zijn alomme volkeren gevonden bij in de ne„ gorijn en wildermissen, waar van hun die nog eenigsints wel ter been geweest in de bosschen hebben gesalveert, egter gedeeltelijk half en een partij heel dood blijven leggen uitge„ „teert van honger, en dus is het uit generaal gelegen wer„ „waards men zend enkelde persoonen deese nu getustelijk bij en om haar laten gaan zonder Eenige harde woorden veel minder hun oude boosaardige moorden te pleegen aan dezelve te geven en willen de op komelingen verzee„ „keren dat alle het gemeen nog uit Bajoe in staat is te gaan hun beraadslaagd zoude hebben op te komen datse dog anders binnen korten alle daar in moesten vergaan hoe zeer de hoofden hun als nog zogten te verzekeren dat men hier alle op komelingen om het leven liet brengen, en bevestigende ook agtervolgens, dat het stouste hoofd Jntje Tjielelok meede gekre„ piert en Bappa Malm door Ende vermoord is dat en al meede versheide kline hoofden gekrapeert waren als mede hun ondere het gemeen uit Bajoe geabsenteerd hadden. Ik heb zoo voor als nog na een tijd lang de op komelingen en krijgs gevangene zeer nauwkeurig g'Examineert, hoe veel volkeren humn bewust zijnde van haare negorijen binnen de tyd van ander halve maand in Bajoe en op de negorijen gestorven waren, komense door elkanderen op te geeven wel twee derde van honger ge„ „gorijen krepeert,

← previousnext →