VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3375

Coromandel · 304 pages · 185 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3375_0087 view scan ↗

English

Nagapatnam, date as above. Was signed as before. Monday, the 11th of January in the year 1773, at nine o'clock in the morning. Council of Policy. The missing Palicol final accounts of the last day of August of the completed trading year held with the merchants there, for which they had been waiting so long, but which the servants only sent together with their letters of 4 December last, have been received; in order to form from this a further summary, a general statement, as well as a memorandum of the general debts of this Coast, so that they may be presented to the Lords and Masters as well as to their High Right Excellencies in Batavia, showing that the debts at the aforesaid factory, instead of decreasing, stand at an amount of f 21014: 7: —, which is f 6212: 17: 8 more than the arrears amounted to at the closing of the previous financial year 1771/1772, so that through that increase the general debts of this Coast are only diminished by f 79753: 10: —, instead of the sum of f 85966: 11: — made known in the advices already dispatched; it was therefore, after resumption, approved and agreed to send the same tomorrow evening with a catamaran via Manaar to Colombo, as those papers will arrive there still in good time to be sent with the ships, whereupon the letters prepared for that purpose were read, approved, and signed. After which the Governor informed the meeting that the junior merchant and second warehouse master here, being the member of this council Jan Daniel Simons, had shown his Honour how the skipper of the return ship Alkemade, which was recently wrecked here, Jan van Eijsden, had possessed the malice to falsely accuse him, Simons, in a letter written from Jagannathapuram under date of 30 September last, regarding the receipt of the Japanese bar copper brought over from Batavia with that vessel, that he had not been dealt with in good faith, but had even been roguishly cheated, because he had come up short by so much on that mineral; and with which threat that, upon arriving in the Fatherland, he would lodge his complaint about it with the Lords Directors and verify it with sufficient proofs, intending thereby the declarations obtained by him at Jagannathapuram from the masters of the sloops the Papegaaij and Gale, Frederik Jurijens and Willem van Rossum, who, having conveyed a portion of that copper from here to Jagannathapuram, had also come up short over and above the accepted validation, besides several other untrue charges regarding the offer made by those boatmen to receive the copper, or the chests thereof unweighed, even one chest less than the consignment intended, from the warehouse to take to Orixa; all of which is found more fully detailed in a document prepared by him, Simons, which he had presented to his Honour for his discharge, to prevent the adverse thoughts that might otherwise sometimes result from that vile allegation, although that accusation fell away of itself on account of the fact that the said skipper van Eijsden, being here, never raised any objection against such treatment, which he now comes to allege, nor brought forward any complaints in that regard, which ought to have been done had any wrong been done to him; the said document and other appendices reading as follows: 11 January 1773. To the Right Honourable Sir, Reynier van Vlissingen, Governor and Director of this Coast of Coromandel and its dependencies, etc., etc., together with the Council. Right Honourable Sir and Sirs, It having come most clearly to the notice of the undersigned second warehouse master of this head settlement, to no small surprise, both from the discourses held here by the skipper of the return ship Alkemade and from a letter written by the same to him under date of 30 September last from Jagannathapuram, the false accusation brought against him and charged to his account by that man, to the effect that he had not been dealt with in good faith regarding the receipt of the Japanese bar copper brought here from Batavia with that vessel, but, as he literally says in the letter, of which an authentic copy is respectfully enclosed herewith, had been roguishly cheated; with an added threat of intending to complain about it to the Honourable and Most Respected Lords Directors upon his arrival in the Fatherland; and that on the basis of two declarations which he claims in the said missive were given to him at the office of Jagannathapuram...

Dutch transcription

39 Pucobohi van de balicolle trak Verschulden daaruijt en den aant eijnde. omtrent het koper van Eijsden van de pakhuijsmeester briefjes tof duis geleiede. aftekhenden Nagapatnam Dato voorschreeven /: was geteekend:/ als vooren Maandag Den 11:' Ianuarij Anno 1773 Smoorgens Ten neegen uuren vergadering van Politie De Ontbrooken hebbende Palicolse afrerkeningen van ulto mo augusteus van hot afgelegde handel Jaar met de Coopliden al„ daar gehouden, waar ona men dus lange gemagt hadd, dog die de bediendens eerst neevens haare letteren van den 4:' xber J=o geforimeede gemrale op shil leeden afgesonden hebben; ontvangen, om daar uijt een nadere 't saamentrckking, een generaalen ofe stel, mitsgaders memorie dor genenaale schulden deeser Custe geformeerde sijnde, ten eijnde de heeren en meesteers soo wel, als haar hoog Edelens te ba„ en oor daarbij angetood tarira aangebooden te werden, toet aanthooning dat de schul„ den ter voorsz: factorij in steede van te verminderen tot een montant van ƒ 21014: 7: —: g voorsteende zijn oversulx ƒ6212: 17:8. meerder dan bij het sluijten van het voorige boekjaar 17 3/1. de agterstabben bedraagen hadden, invoegen door die vermeerdering de Generaale schulden deeser Custe maar gedeomsanueerde sijn met ƒ 79753: 10. —. in steede van de bij de reeds afgegaane advijsen bekend gestelde somma van ƒ 1566. 11. — soo is na resumtie goedgevonden en verstaan deselve of moro besuijt dezele ag over Calto gen met een Cattemaaauw over manaar naar Colombo te ver„ sinden, alsoo die passoeren ginter nog tijdig genoeg aangebragt. werden sullen om met de scheepen te konnen werden ver„ sonderen, werdende mits dien de broffes tot dies gelegde in, letinen hekeig van de na gereedheijd gebragt geleesen, goedgekeurd en getee„ kend. —. Waar na den heer Gouverneur de vergadering te konnen gaff dat gedane acusatie von den schppen dan onder hoofpman en tweede pakhuijsmeester alhier, mits ges mons. het Cid deeser vergadering Ian Daniel Simons aan sijn Edele vertoond hadden, hoe dat den schipper van het Jongst van hoer verbrockene Retourschip Alkernade, Ian van Eijsden de quaadaardigheijd gehad hadde hem Aamons bij een brief van Saggeremaijsk Coeraam onder dato 30:' 7ber: J=o leeden ge„ schreeren valschelijk te accuseeren, dat omtrend den omt„ wegens onfaruw behandeling fangst van het met dien boodem van batavia overgebragte staafkoopper Sarpans, niet ter goeder vrouwe behandeld, maar solvs schelmagtig bedroogen was, uijthoofde hij soo veel of dat maneraal de kort was getoomen, met bedoijgeng en met welk bedrijging Den 11e. Januarij 1773: maar dat werd. 8 1 8 W 6 41. Den 11e. Januarij 173. Voor gedagte Simons en ter ont eijnt bijlagen dat in het Vaderland koomende, daar over sijn beklag bij de heeren Majoores doen, en sulks met suffocante bewij„ sen verificeeren soude, bedoelende daarmeede de verklaarimn„ geen door haar te saggeremaij bifoenaam in geacomnen van de gesaghebbers van de Chialoupen de Pasfegaaij en Gale, Frre„ drik Surgens, en willem van Rossum, die een gedeelte van dat koopper van hier na Laggernaijkfoeram overgevoerd hebbende, meede booven de genoome validatie te koort ge„ koomen waaren, buijten meer andere onwaare betigtin„ „gen, tem op sigte van de gedaane aanbiedeing door die boots„ lieden, om het koopper, of de kistses derselve ongewoogen, selvs een kistje minder, dat het prefect den versending was geporesendendedejente dean :s uijt het pakhuijs te ontvangen, omn Ooria teneemen, alles bree„ der vermeld werdende gevonden, bij een door hem simans in„ gereedheijd gebragt geschrift, dat hij ten zijmer decharge aan zijn Edele gepresenteerd had, tot previntie van de na„ deelige gedagten, die anders somtijds uijt die vuijlaardige betigting soude konnen ofte moogen Resulteeren, schoon die beschuldiging van selvs quam te vervallen uijt hoof„ de gedagte schifper van Eijsden alhier sijnde, nootet teegens een diergelijke behandeling, waar voor hij nu quam te Den ondergeteekende sweede Sakhuijsmeester deeser hoofaplaatse tot geen geringe surfrise, soo uijt de alhier gehoudene discoursen van den schif per van het Retourschap Bellemade, als een door denselven aan hem in dato 30:' 7ber: d:o p:r van Saggermaij kpoceram geschreevene brieff ten duijdelijksten te vooren gekoomen weesende, de hem vertoonen door die man aangerereeren, en ton laste gelegde werdende valsche accusatoe als dat bij hem omtrende de Ontfangst van het met dien kiel van Batavia alhier aangebragte staafkooper Japans noet ter goeden trouwe behandeld, maar soo als hij bij de brieff: waar van Coppia autanticq in Eerbied hier neevens gaat:/ woordelijk segt schelmagtig bedroogen sou„ de hebben met een bijgevoegde drijgement van bij sijn komst in wee„ derland daar over aan d'Edele hoog agtb: asseeren bewindhebberen te sullen klaagen; Ende sulx off fundament van twee verklaaringen welke bij bij gedagte mossive voorgeeft hem den Comptoire sagger „ Wel Edele Gestrenge Heer en Heeren Aan den wel Edelen Gestr: Heer Reynier van Vlissingen Gouverneur en Directeur Deeser Custe Coormandel met den Resorte van dien &:a &:a neevens den Raad. allequeeren ingebragt, of eenige doleantien dien aangaande voortgebragt heeft, het geen had morten geschieden, indien heam eenigen Ongelijk aangedaan was; luijdende gem: schir C„, Jasictis vam dat papier en dies tuur en annere bijlaagen; aldus Den 11. Januarij 1773. alleguseeren naijk Coeraag

NL-HaNA_1.04.02_3375_0089 view scan ↗

English

43. The 11th of January 1773. The 11th of January 1773 having been granted by the boatmen Fredrik Jurgensz and Willem van Rossum, whereby they would have declared, according to his allegation, that upon receipt of copper for this factory from the consignment of the ship Alkemade, they offered and requested the presenter to receive it unweighed according to the number of chests, and then to take one chest less over the whole quantity than the number of pounds they were supposed to have amounted to; that this was rejected by him, and that during the re-weighing he sometimes took one or two bars out of each chest, and that the commanders on that account also came up very much short at the office upon delivery; thus it is that, although this accusation falls away of itself if one reflects that the accuser never brought anything against the handling in that regard during the delivery of the cargo, and never complained there about it in the place where it belonged (which he surely would not have failed to do if he had found any reason for it, as he had been very peeved with the presenter from the very first day of his arrival), he nevertheless has deemed it advisable, in order to prevent any disadvantageous thoughts that might sometimes result from this accusation, to address himself in this regard to Your Right Honorable Worship, as is done hereby; and to clear himself (although he has not yet seen the certificates on which it is founded, and thus cannot rightly judge their value, without expressing himself in the least about the quality of the witnesses and their depositions) of the blame cast upon him, being not a little damaged thereby in his honor and good name. To which end he takes the humble liberty to offer to Your Right Honorable Worship, annexed hereto, an attestation from the Ordinary Commissioners in the trade warehouses here, Thomas Campe and Hieronimus Jacobus van Ransouweren van Vrijenesse, by which in the first place it is established that the delivery of the copper from the vessel Alkemade took place in their presence and before the presenter and a mate of that ship named Raamsberg (in place of the aforementioned skipper, who was only present casually), and was handled properly in good faith and as it should be. Which the petitioner respectfully considers to be sufficient proof alone that the aforementioned skipper has falsely accused him, especially if one adds that, as said, he never complained about it here, but defamed the presenter in his absence. For the said two deponents, declaring what they attended in their official function, absolutely deserve to be believed. And if any fraud had occurred during the delivery, and had been noticed by the one who assisted in the skipper's place, or if any dispute had arisen over the weighing or otherwise, this should have been pointed out by him to the commissioners, so that it might possibly have been prevented and decided by them, or otherwise reported to the Chief Administrator, in order to be able to conduct the necessary investigation; but nothing of that nature ever existed, or otherwise those who were present in their official function would absolutely have had to have knowledge of it. On the contrary, it appears from their attestation that the cause of the shortage is due to the fact that in a large number of chests there were 10 to 14 too few, and on the other hand, in some others, a few were found in excess, the latter number, however, being very small in comparison with the first. To which the presenter also conscientiously feels obliged to reflect that a large number of copper chests from that vessel, which were underweight in the aforementioned manner, were tied with a cross-rope with two knots, and those which reached the full weight, indeed sometimes more, were also tied with a cross-rope, but were provided with only one knot. He will draw no conclusions from this, having no intention to take revenge by counter-accusations, but will solely leave it to the prudent judgment of Your Right Honorable Worship, whether that distinction does not

Dutch transcription

43. Den 11e. Januarij 1773. Den 11e. Januarij 1773 naijkforam door de bootslieden Fredrik Iurgensz en Willem van Rossum verleend te zijn, waar bij die wenschen volgens zijne alle guatie verklaarde zullen hebben, dat zij bij ontfangst van Hooppen voor die factorij uijt de parthij van het schip Aekemade den vertooner aangebooden, en ver„ sogt hadden, om het selve ongevroogen na het getal der kosten te ontvangen en dan over de gantsche quantiteijt een kostje minder teneemen, dan het ge„ tal poonden, die se hebben moesten quam te bedraagen dat dat zulx door hem van de hand geweesen had, en bij het na weegen uijt oder kostse somtijds een à twee staaven weggenoomen, en doe gesaghebbers over sulx daar ten Comptoire bij uijtleevering ook seer veel te kort gekoomen waa„ reen, zoo is 't dat hij, of schoon die beschuldiging van selvs vervalt indien men reflecteerde dat den accusant bij de uijtleevering der laa„ ding noets teegens de behandeling dien aangaande ingebragt, en daar orrer ter plaatse daar het behoorde gedoleerd heeft /: het welk hij seester„ lijk niet nagelaaten soude hebben, in dien daar toe maar eenige ree„ den gevonden hadde, als alhoer selvs 't seedert de Eerste dag sijner komst of den vertoomer seer gepisseerd geweest zijnde :/ egter Raadscam geoordeelt heeft tot preventie van eenige nadeelige gedagten, die som tijds uijt deese beligting soude kunnen ofte moogen desulteeren, sig dierwee„ gens aan uwelEd: Gestr: te adderesseeren gelijk geschied bij deesen, en „hem /:schoon hij de attesten waar op het selve gefundeerd werd, nog niet gesien heeft, en dus van dies valeur ook =niet regt oordeelen van, van doe aangewreeven blaam of sig zelfs sonder hem over de hoedanigheijde der getuijgen en derselver depositien in 't minst uijttelaaten:/ tesuijveren als daar door niet wynig in sijn Een en goede naam benadeeld weesende Ten welken eijnde hij dan de needrige vrijheijd gebruijkt uwel Ed: gestr: deesen annex aantebieden een attestatie van de Ordinaire ge„ committeerdens in de negotie pakhuijsen alhier Thoconas Campoe en ashironimus Jacobus ransomeren van Vrijenesse waar bij in de Corste plaats Consteerd, dat de ugtleevening van het koo„ der uijt den bodem alkemade in haare teegenswoordigheijd ten overstaan van den vertoonen en een stuurman van dat schop Rarrnsberg gen=t /:versteede van den voorm: schipper die niet als terloofs er bij geweest is behooren geschied, den daaromtrend ter goedertrouwe en na ^ behandelt is. — 'T wolk den suppbiant in Eerbied vermeend, alleen genoeg te zijn tot Ee„ wijs dat de voormelde schipper hem Valschelijk beligt, temeer indien maer daar bij voegt dat hij gelijk gesegt alhier nooijt over het zelve geklaagt heeft, maar den vertooner in desselvs abseentie beklad. — Want gemelde twee deposanten verklaarende, het geene De in haare fuactie bijgewoond hebben, meriteeren daaronne absclut gelaoff. — En iindien er bij de uijtleevering eenig bedrog geschied en door den geene die in des schippers plaatse daar bij adsisteerde besheurd of twost over het weegen als andersints ontstaan was, moest zulx door denselven de gecommitteerdens aangetoond zijn, om des mogelijk door haar belet en gedediceerd, of anders aan den heer hoofdadministrateur gerapporteerd te werden, ten eijnde het nodige ondersoek te kunnen doen, dog daar „s noets van die natuur g'exteerd, of anders zoude zij die in haar functie present waaren, daar van absolut kennisse dragen moeten. Waar ter Contrarie blijkt bij haar attestatie dat de tekorte koeming derselver oorsaak verschuldigt is, door dien in een groot getal kistjes van 10. tobt 14. Waaren te min, en daar en teegens in sommige andere weeder eenige te over bevonden zijn, welkers laaste getal egter in ver„ gelijk van het eerste seer gering geweest is. — Waar bij den vertooner ook nog in gemoede bevuijgde gereflecteerd tehhebb„ dat een groot getal koopper kostjes van dien boodem welke onvoege voorsz: minwrigtig waaren, met een kruijstouw met twee knoopen, een doe, welke de volle swaarte, Ja soontijds meerder haalde, meede met een kruijstauw gessord, dog maar met een kroof voorsien geweest zijn sf sij zal hoer uijt geen Consequentoen brecken, als noekst g'intentioneerd sijnde sog door Contra accusatien te revangearen, maar alleen aan het pruedent Jugement van uwel Ed: Gestr: gedefereerde laten, of die uijtsondering Bbeer. noet

NL-HaNA_1.04.02_3375_0090 view scan ↗

English

45. 11 January 1773 11 January 1773. must have happened for certain reasons, in order to be distinguished from the others. And although the petitioner flatters himself that the above is satisfactory to demonstrate that no roguish deceit was committed by him in the subject case, as the accuser imputes to him, he has nevertheless, in order to purge himself with even greater success of that improper and far-reaching slander, and to demonstrate that not one iota of it is true, had a list drawn up at the trade office here of bar copper from Japan that has been successively brought and delivered here from Batavia since the year 1768, which he respectfully accompanies herewith, by which your Right Honorable is requested to observe that all the ships that were here during that time delivered the copper with greater underweight than the accuser, with the exception of the ship Vreedelust in the year 1769, which only then came out with the permitted allowance of 5/8 per cent, for the least is 1/4 per cent, whereas his only amounts to 3/16 per cent, and all those people have never complained of unfaithful treatment, notwithstanding there are among them those who lost much more and even up to 3/32, and it is also not plausible that they had no loss in this. Concerning what he said the statements produced by him contained, namely that the petitioner refused to deliver the copper to those two boat crews unweighed, as it was received from the vessel under his command, notwithstanding they were willing to be satisfied with one chest less than the quantity amounted to, but when weighing sometimes took one or two bars from each chest, and that that is the cause that those people were short at Jagannathpuram; in the second place, the aforesaid attestation of the commissioners clearly shows the falsehood thereof, for although it is true that the commander Fredrik Jurgens requested the petitioner to simply take over the chests unweighed, the alleged offer to be satisfied with one chest less is just as falsely stated as that a similar request was also made by the boatswain Willem van Bossum and turned down by the petitioner, since, had that happened, it must have been heard by the commissioners, who must always be present at the weighing out of the cargo, as well as the offer of Fredrik Jurgens to take over the chests unweighed. And while the entire foundation of the accusation rests upon the refusal of that offer, and that upon weighing 1 or 2 bars were allegedly taken from some chests from those people, as it could be concluded from that that the petitioner, knowing that more was received in the chests than there ought to be, had not wanted to surrender them as such, but first take to himself what was in excess; he therefore further deems it necessary respectfully to bring to the attention of your Right Honorable that this refusal was made by him because such had never been practicable nor customary, and was consequently a novelty that went against fairness and the Company's explicit orders, for the introduction of which he judged himself entirely incompetent, for the reason that had such happened and the boatswain had then come short upon delivery or had been robbed on board, such would immediately be alleged and he, the petitioner, would then absolutely be held solely liable for it, as having acted against orders and custom. And that, even if it were true that when weighing out to those commanders 1 or two bars were taken from some chests, which however still remains to be examined, such must have happened without the least suspicion of foul play regarding the accuser or the aforementioned boat crews resulting from it. Whereby upon receipt, every 125 lb of copper that is weighed is placed down either on a mat or cloth spread for that purpose, or on a special pile.

Dutch transcription

45. Den 11 Januarij 1773 Den 11' Januarij 173. moet van seekeren reedenen, ten eijnde van de andere onderscheijden ter kunnen woorden, geschied zijn moet En of schoon den vertoonen sig flatteerd het boovenstaande Patisfac„ toir te zijn, ter aanthooning dat door hem in Cassubfect geen schilm„ agtig bedrog, soo als den accusaat hem meest, gepleegd is, soo heeft hij om sig egteer met te meer succees van die onbetaanelijke en ver„ vegaande lastertaal te purgeeren, en te demonstreeren, dat er geen Jota waar van is, ten negotie Comptoire alhier een notitoe doen formee„ rom van Mtaafhoopper Japans dat tseedert Aa:o 1768. successive van batavia alhier aangebragt en uijtgeleeverde is, dewelke bij deesen in eerbied ver„ sellen laat, waar bij uwel Ed: Gestr: versogt werden te beschouwen dat alle de in die teijd alhoer geweest zijnde scheepen het hooppen met meerder minderwigt als den accusant uytgeleeverde hebben /: Excepto het schop Vreede lust in A:o 1769. dat doen alleen met de gepar„ mitteerde valodattie van 5/8. per Canto uijtgekoomen is:/ want het monste is ¼ per Cento daar het zijne maar 3/16. de to bedraagd, in alle die menschen hebben nooijt over een ontrouwe behandeling gedoleerde, niett ver„ genstaande er onder zijn die veel meer en selfs vl 3/32. verlooren hebben en goost hot ook in d's pistabel dat deselve in deesen geen verlaatst gehad heb„ Belangende het gean hij segde de door haam geligte verklaaringen in behouden namentlijk dat den vertoomer het kooper, aan die beijde bootsloeten noet on„ gewoogen, soo als hat uijt sijn onderhebbende boodem ontfangen was, heeft willen afgeeven noet teegenstaande ze met een kistje minder als de quan„ tibeijt bedroeg te vreede willen sijn, maar bij toeneeging soom tijds wel een â twee saaren van ider Kastje afgenoomen, en dat dat de oorsaak is, dat die menschen op saggernaijkpoeram te kort gekoomen waaren, thoaard in de tweede plaats de voorsz: atbestatie der gecommitteerdens, de valscheijd daar van den eridensten aan, want alhoewel het naar is dat de gezaghebber Fredrik Jurgens den verboomer versogt hooft oon de kostjes maar ongewoogen overbeneemen, zoo os egter het poesent ben Kam. aanbad, om met een kost te min Content te neesen, zoo wel be„ tigt, als dat door de bootsman willem van Bossum meede een dier„ gelijke instantie gedaan, en door den vertooner van de handgewee„ len is, vermits het selve geschied wersende, door de gecommitteer„ dens, die bij het uijtvroegen van de lading steeds present weesen moeten, alsoo wel als het aanbod van Fredrik Duagens om de Wostjes ongewoogen overteneemen gehoord soude moeten zijn. —. Endewijl ofer de weijgering van die presentatie, en dat bij het voeweegen, aan die menschen uijt sommige kosten 1. â 2. staaren genoomen, sou„ de sijn, het gantse fundament van de accusatie rust, als kunnende daar uijt ofgemaakt werden, dat den vertooner als weetende, dat er meer in de kostjes ontvangen was, dan er weesen moet, desel„ ve niet sodanig hadde willen afstaan, maar het geene er te veel in was, eerst na zig neemen; zoo agt hij alverder noodig uwelEd: Gestr: doenaangaande Eerbiedig onder het oog te brengen, dat die weijgering door hem geschoed is, uijt hoofde zulx noijt practicabel geweest nog guseerd geworden, en oversulx een nieuwigheijd was, die solvs teegens de billak„ heijd en sComp:s uijtdrukkelijke Orderes stroed tot invoering van de welke hij hem gansch onbevoegd Oordeelde, om reeden dat zulx geschied en den bootsman dan bij de uijtleevering te kort gekoomen of aan boord bestoolen sijnde, sulks immediaat voorgewend en hij vertoonen dan absolut alleen daar voor aanspreekelijk gehouden zoude zijn, als tee„ geens de Ordre en usantie gehandelt hebbende En dat zoo het al eens de naarheijde behelsen mogt dat er bij het toewee„ gen aan die gesaghebbers uijt sommige Rostjes 1. â twee staaven gewoo„ men sijn /: het welk egter nog te Ondersoeken staat:/ zulx dan zin„ „dor dat daar uijt de minste suspigie van quaade behandeling noppens dem accusant nog de voormelde bootslooden Resulteerd, geschied zijn Raar. Waart bij omtrangst. word oder 125: lb: koopden die gemoogen is, off een van dien eijnde gespreijde banhaal of kleed, of een bijsondere hoofd ne„ aan bod der gelegt:

NL-HaNA_1.04.02_3375_0091 view scan ↗

English

47 The 11th of January 1773. The 11th of January 1773 laid down, and that far from each other, furthermore each subsequently placed in a small chest, and thus it can also easily happen that one or more wares of one pile get mixed in among another, to which the warehouse masters are indifferent, as long as they find their quantity, but in general have since such upon weighing afterwards always appears and is remedied, by taking off from the chests that are too heavy, and adding the lacking amount to those that are too light; whereby no one suffers any loss and which is also one of the reasons that the petitioner has not wanted to condescend to deliver the copper to the boatswain Fredrik Iurgens unweighed. Thus the foundation of the skipper's accusation having been completely overthrown by solid reasons, and having demonstrated that the same are nothing but far-fetched pretexts and untruths, the petitioner, concerning the weighing of the copper to the aforementioned boatmen—on which account the accuser also charges him with having acted fraudulently, because those people came up short at Iaggernaijkpoeram—shall only mention with a single word that the same is just as unfounded as the foregoing, since the chaloups Vanen and Poeijer, which around that same time received cargo of that very same copper for the offices of Sadraspatnam and Bimlipatnam, never came to be disturbed about that, as is apparent from the copies of the transmitted findings accompanying this, which serves as convincing proof that the handling here was done well and properly, as the commissioners also specially testify regarding the aforementioned two commanders, and the underweight must therefore be attributed to some other cause outside the petitioner, into the investigation of which he will nevertheless not enter, but shall only add here that there is no slight presumption that the accuser must have obtained the declarations of the aforesaid persons in a surreptitious and improper manner, for the reason that he not only appears for himself but also for them, whereas they To my regret seen here from the two boatmen Frederik and Willem van Rosse who came up so short of copper here, which people have given me a declaration to confirm under oath, that they offered Your Honour to receive the copper thus from your warehouse, yes even one chest less, and just to give it unweighed, as you received it from my ship, but have not wanted to do so, yes sometimes one to two bars have been taken off a bundle, whereby I must suppose by this that I have been roguishly deceived, through which I will come up so short shall not matter, safe voyage, may God grant. Mr. Simons the bills of lading here signed without any contradiction or opposition, that the mentioned copper was received by them satisfactorily. And since it could very well happen that the accuser was malicious enough, continuing in his false accusation, to carry out his threat to complain about this to the Lords and Masters in the Fatherland, the petitioner very humbly requests Your Right Honourable that this his provisional defence may be noted in the Resolution for his discharge, as evidence in due time, if it should be necessary. While for the rest he has the honour to subscribe himself with deep respect /:was written beneath:/ Right Honourable Lord and Sirs; Your Right Honourables' humble and very obedient servant /:was signed:/ I: D: Simons /:in the margin:/ Nagappatnam the 11th of January 1773. Bill of lading

Dutch transcription

47 Den 11e. Januarij 1773. Den 11e. Januarij 1773 dergelegd, en dat met verre van Elhander, mitsg=s vervolgens ider in een kistsje gedaan, en dus kan het ook facidl gebeuren, dat er een of meer waaren van de eene hoof onder een ander geraaken, het wolk de pakhuijsmeesters on„ verschillig is, als zij haar quantiteyjt bonden, maar in 't Generaal hebben vermots zulx bij uijtvreeging naderhand althoos blijkt en geremedieerd weerd, met van de kostjes die te swaar zijn, afteneemen, en bij de geene die te ligt zijn het manqueerende te voegen; naar door noemande nadeel lijde en het welk meede een der reedenen is, dat den vertoonen noet heeft willen Condescondeeren om het koopper aan den bootsman Fredrik Iurgens ongemwoogen aftegeeven Dus het fundament van beschuldiging van den schopper door bondige reedenen ton eenemaal om verre geworpen, en betoogd hebbende, dat de sel„ ve niet als verre gesogte pretenten en Onwaarheeden sijn, zol den verloo„ nen omtrend de toeneeging van het koopper aan de voormelde bootslieden welk an dereegen den accusaart hem ook ten laste legt, fraudeleus te hebben gehandelt, om dat die menschen te saggernaijkfoeram te kort gekoo„ „men zijn, nog maar met een enkeld woord aanhaalen, dat het zelve al soo ongegronde is, als het voorgaande, vermits de Chialoupsen Vanen en Poeijder welke omtrent die selfde teijd van dat eijgenste koopper voor de Comptoiren sadraspatnam en Bomolappatnam lading ontrack„ gen hebben, daar of noets bestoort gekoomen zijn, gelijk dat bij de deese daar van versellende Coppoas der overgesondene bevindingen Consteerd het welk tot een overtuijgende bewijs streckt, dat de behandeling al„ hier wel en naar behooren geschied is, soo als de gecommitteerdens het selve oomtrend de voormelde twee gesaghebberd ook speciaal getuij„ „gen, en het minwigt dus aan eenig andere oorsaak buijten den vertoonaer toegeschreeven werden moet, waarom terend hij egter in geen andersoek treeden, maar eenelijk hier nog bijvoegen sal, dat er geen geringe presump„ tie legt dat den accusant de verklaaringen van voorsz: wenschen of een sub en oprebbere rijse verstreegen hebben moet, om reeden dat hij noet alleen voor hem selve waar ook voor haar overkomte, daar zy de Tot mijn leetweesen alhier gesien van de twee bootslieden Frederik en willem van Rosse die hier zoo veel koopper zijn te kort gekoo„ men, welke mensen woij een verklaaring hebben gegeeven, om het onder Eede te bevestige, dat ze VE: hebbe aangepresenteerd om het koo„ per zoo uijt u pakhuijs te ontfange, Ja selfs nog een kostje minder. en maar oengemoogen te geeven, zoo als u het uijt mijn schap heb ont„ fangen, maar zulks niet heb willen doen, Ja somtijds een â twee saaren van een Roltje zijn afgenoormen, waar ik moet bij deese on„ der stelle dat k schelmagtig ben bedroge, door daen ok soo veel te kort coomen zal noet mantteere bij behoude voore, dat God geevvn Mijn Heer Simons Cognoissementen alhier sonder eenige teegenspraak of oppositie onder teekand hebben, dat gemeld kooper bij haar ten genoegen ontfangen is. —. En dewijl het zeer wel zoude kunnen gebeuren dat den accusant quaad„ aardig genoeg was, in sijn valsche beschuldiging voortgaande, sijn drijgement van daar over bij de esseeren en meesters in 't Vaderland te sullen doleeren, ter uijtvreer quam te brengen, zoo versoekt den verlooner uwel Ed: Gestr: seer Ootmoedig dat van deese sijne provisso„ neele verandwoording ter syner decharge bij de Resolutie aan beekomsing gehouden werden mag, ton blijke in der tijd, om indien het noodig wee„ sen mogt Terwijl hij voor 't overige sig de Eere heeft met dieff Resfect te on„ derschrijven /:onderstond:/ Wel Edele Gestreenge Heer en Hseeren; euwel Edele Gestrenges onderdanige en zeer Gehooorsaame Dienaar /:was geteekend:/ I: D: Simons /:om margine :/ Nagappatnam den 11. a„ nuarij 1773. Cognoos:

NL-HaNA_1.04.02_3375_0092 view scan ↗

English

49. The 11th of January 1773. The 11th of January 1773. to lodge my complaint about it with the Gentlemen Directors in the Fatherland, with sufficient declarations on how I have been treated by you, and to make every effort to get it back off my account. Said boatmen have testified to me how very honestly they were treated with the weighing, just as they could wish. I remain your servant, signed: I: V: Eijsden; in the margin stood: Saggernaijkpoeram, the 30th of September 1772; underneath stood: agrees with the original, Nagapattinam, the 8th of January 1773, signed: S: F: Vaucquet De San, First Sworn Clerk. On this day, the 22nd of December in the year 1772. Appeared before me, Jacques Theodore Vaucquet De San, First Sworn Clerk at the Secretariat of the Coromandel Government, in the presence of the witnesses named below, the Honorable Thomas Campie, born in Nagappattnam, aged 44 years, and Hieronimus Jacobus van Someren van Vrijenes, aged 32 years, from Palliacatta, both bookkeepers and commissioners in the Company's trade warehouses here, who, at the requisition of Mr. Joan Daniel Simons, Junior Merchant and Second Warehouse Master of this principal place, deposed to be true and truthful: That they, the deponents, in their aforementioned capacity, being required always to be present at said trade warehouses during the dispatching of cargoes into the chaloups and other Company vessels, on a certain day in the month of August, the master of the sloop De Papegaaij, Fredrik Jurgens, had also come there to receive a cargo for the Saggernaijkpoeram factory. That during the weighing of the Japan bar copper, the same, in the hearing of these deponents, had said to the requisitionist that he would gladly take over the copper chests unweighed. However, that the requisitionist had replied thereto that such could not happen, not only because it was contrary to custom and never practiced, but also because he alone was not the warehouse master, and it was thus beyond his authority, as he could not know whether the First Warehouse Master would be satisfied with it. That after the copper was subsequently properly and customarily weighed out to the master Fredrik Jurgens, as far as they know or have heard, the same had never made any further offer to be satisfied with one chest less than the quantity of pounds amounted to, if it were left to him unweighed. Nor is it known to them that the boatswain and master of the chaloup Gale belonging to Jaffanapatnam, Willem van Bossum, who shortly thereafter also received a cargo for the same factory, ever made any offer or request to take over the copper unweighed, notwithstanding that they, the attestants, in accordance with their function, were always present at the weighing of the cargoes of both these chaloups. That the delivery of the copper from the ship Alkemade and its receipt into the warehouses took place in the presence of the requisitionist and the mate of that vessel, Ravensberg, in their presence as commissioners, and that the captain of that keel, Jan van Eijsden, was very little present thereat, and sometimes only stopped by in passing, and that furthermore everything concerning this was dealt with uprightly and properly. That they, the attestants, had seen on that occasion that in a large number of chests, 10 to 14 were found to be short, and that on the other hand in some others, a few bars were in excess, but whose number was very small in comparison to those that were found to be short. Ending herewith, the deponents testified that this deposition of theirs contains the pure truth, giving as reason for their knowledge. Can

Dutch transcription

49. Den 11 ' Januarij 1773. Den 11e. Januarij 1773. in 't Vaderland mijn beklag bij de heeren majoores daar over te doen met sicresante verklaarings hoe ik van u Een behandelt, en alle moeijte doen het weeder van mijn Reeekening te krijge Gemelde bootslieden hebben mijn betuijgd hoer zeer Eerlijk behan„ delt te zijn met het weege zoo als zij wonde wense Blijve u Dienaar /:was geteekend:/ I: V: Eijsden /:in margine:/ stond Saggernaijkfoeram den 30:' 7ber: 1772. /:onderstond:/ accordeerd: met het Oorgineel /:nagaffatnaar den 8:' Ianuarij 1773. /: was getee„ kond:/ S: F: Vaucquet De Ian E: G: Clercq Op Huijden den 22. ' December Anno 1772. —. Compareerde voor mij Jacques Theodore Vaucquet De San Eerste Geswoore Clercq ter secretarije van het Cormandels gouver„ nement present de natemeldene getuijgen D' E:s Thomas Cam„ pie geboordig te nagappattnam oud 44. Iaaren, en Hieronimus Sa„ cobus van someren van Vrijenes oud 32. Jaaren van Palliacatta beijde boekhouders en Gecommitteerdens in sComp:s negotie pakhuij„ sen alhioor, dewelke ter Requisitie van den heer Ioan Daniel Simons onder Hoopman en twreede pakhuijsmeester deeser hoofdplaatse, de po„ seerden waar en waaragtig teweesen. —. Dat ze deposanten in hunne voorsz: qualiteyjt bij het afscheefsn van laadingen in de Chialoupen en ander sComp:s vaartuijgen, altoos aan gemelde negotie pakhuijsen present moetende weesen, op een zee„ keren dag in de maande aug:s den gesaghebber van de sloep de paspe„ gaaij Fredrik Iurgens meede aldaar gehroomnen was, om een Cargasoen voor 't Comptoir Saggernaijk poeram te ontvangen. — Dat denselven bij 't toeweegen van 't Jafans Haafhooper, in 't aanhooren van haar atbestaanden teegens den heer Requirant gesegde hadde, dat hij de koopere kostjes gaarne ongeworgen wilde overneemen. —. Dog dat den heer Requirant daar of geroppliceerde hadde zulks noet de kunnen geschieden, met alleen om dat het zelve buijten usaantie en nooijt ge„ fractiseerde, maar ook om dat hij alleen geen pakhuijsmeester, een het dus buijten zyn magt was, als niet hunnende weeten of den heer Eerste pakhuijsmeester daarmeede content weesen zoude. —. — Dat het kooper vervolgens aan den gesaghebber Fredrik Iurgens wel en na gewoonte toegewoogen zijnde, voor zoo verre haar bekend is, of ze gehoord hebben, denselven nooijt eenige verdere aanbieding gedaan hadde, om indien hem het zelve ongewoogen overgelaaten wierd, dan met een Rostsje min„ der als de quantiteijt ponden bedroeg, te vreeden te zijn. Nog dat haar ook niet bewust is, dat de bootsman en gesaghebber van de te Iaffanapatnam thuijs hoorende Chiealouf Gale, Willem van Bossum die kort daar na ook een lading voor de selfde Factorij ontfing ovij't eenig aanbod of versoek gedaan heefft, om het koopper ongemoogen over„ teneemen, niet teegenstaande zij attestanten bij het toeweegen der ladingen van die beijde Chialoupen volgens haare functie, steeds present geweest Dat de uijtleevering van het kooper uijt het schop alkemade en dies ont„ fangst in de pakhuijsen ten overstaan van den requirant, een den stuur man van dien boodem Ravensberg, in haare teegenswoordigheijd als gecommitteerdens geschied, en dien schepper van dien kiel Ian van Eijsden, seer weijnig daar bij geweest, en som tijds in passant maar eens aangekoomen mitsgaders dien aangaande offregt en na behooren gehandelt was. —. Dat zij attestanten bij die occagie gesien hadden, dat in een groot ge„ tal kostjes van 10. tot 14. waaren te kort bevonden waaren, en dat daar en teegen in sommige andere, eenige staaven te over geweest zijn, dog welkers getal seer gering was, in vergelijking van die waa„ ren te kort bevonden wierd. — Eijndigende hoermeede betuijgden de deposanten, deese hunne deposatie de zuijvere waarheijd te behelsen voor reeden van weedenschapf geeven„ waaren. Kunnen de

NL-HaNA_1.04.02_3375_0093 view scan ↗

English

51. The 11th of January 1773. The 11th of January 1773 as in the text, and that they had done everything in their functions, and are therefore ready to confirm the same further under oath if required. Thus done and passed in the Castle at Nagapattinam on the date aforesaid, in the presence of Thomas Snel and Hendrik Prins, clerks at the aforementioned Secretariat, as witnesses; the original of this is written on a stamp of twelve stuivers, and properly signed; at the top: quod attestor; signed: I. F. Vancquet, clerk. Brought, delivered, copper short, per cent. Extract from the aftermentioned findings of the Japanese bar copper brought by the below-mentioned vessels from Batavia; to wit: According to findings: 1768: 24 June: the ship Zeeland from Batavia: 40 chests: 5000 lb: 4981 lb: 19 lb: 1/4. 2 August: the same, Zuilenburg: the same: 1200 chests: 150000 lb: 149606 lb: 394 lb: 1/4. 1769: 12 June: the ship Westenveld: the same: 80 chests: 10000 lb: 9290 lb: 710 lb: 1/32. 21 August: the ship Vreedelust: the same: 2400 chests: 30000 lb: 29625 lb: 375 lb: 1/8. 1770: 2 June: the ship Vlootlust: the same: 80 chests: 10000 lb: 9670 lb: 330 lb: 1/18. 6 September: the ship Noordbeveland: the same: 2400 chests: 30000 lb: 29293 1/2 lb: 706 1/2 lb: 1/4. 1772: 2 August: the ship Alkemade: the same: 280 chests: 35000 lb: 34391 lb: 609 lb: 9/16. 5 December: the ship Vreedelust: the same: 2000 chests: 250000 lb: 249350 lb: 650 lb: 1/4. At the bottom: agrees; was signed: J. Scheurman, assistant transfer clerk. Extract from a Sadraspatnam weigh-in book dated the 8th of October 1772, concerning the delivered cargo of the sloop Viamen: 200 chests of Japanese bar copper, each chest of 125 lb: the bill of lading demanded 25000 lb. Delivered here: 24981 1/4 lb. Allowed at 1/16 per cent: 18 lb 12 1/8 oz. At the bottom: agrees; was signed: J. Scheurman, assistant transfer clerk. After reading the same and having sufficiently considered the reasons adduced to substantiate his excuse, it was further reflected that if the said skipper had been wronged or suffered damage by any unfaithful treatment, or had noticed the least thing of that nature, he would have been obliged in the first place to give notice here at the place where it belonged, and to seek justice, so that one would also have been in a position to make a proper inquiry, in case any deceit might have occurred concerning it; but this not having happened nor having been done by him, he has made himself not a little suspect of having brought this accusation out of pure, unfounded, or fixed hatred against the said second warehouse master, the more so because if he [Continued] Extract from a Bimlipatnam finding dated the 5th of October in the year 1772, concerning the delivered cargo of the sloop Poeijoer: Japanese bar copper enclosed in 400 chests, each of 125 lb: the bill of lading demands 50000 lb. Yet delivered here in as many chests: 49687 3/4 lb. Therefore short: 312 1/4 lb. Calculated 1/16 per cent for the allowance. At the bottom: agreed; was signed: J. Scheurman, assistant transfer clerk. Extract. had 53. The 11th of January 1773. The 11th of January 1773 had any reason for complaint, he ought to have done so against both warehouse masters, as both had received the cargo; in addition to which it appeared to the Government, not without speculation, that the copper chests brought were provided, some with one knot and some with two knots in the cross-ropes, and the singling out and separating of the same from one another by the second mate Ravensberg, who had the supervision of the cargo from the beginning to the end, the skipper having completely deferred belief to all that the second mate reported to him, as the skipper had concerned himself little or not at all with the delivery of the cargo; while on this occasion the first warehouse master fully confirmed the found knots in the cross-ropes of the copper chests in the manner as was said before, as well as the conduct of the second mate in separating those chests from each other, and the underweight of those that were provided with only one knot, as well as the overweight of those with two knots; besides which, he, van Eijsden, was much less short than the copper that was delivered from the ship Vreedelust, as was also shown concerning the bringing of that mineral since the year 1768 with various ships in the extract from the findings of the cargoes delivered here; just as it was also not without suspicion that on the copper transferred from that same parcel from the ship Alkemade by the sloops Viamen and Poeijoer to Sadraspatnam and Bimlipatnam, no more was short than the allowed 1/16 per cent, but the commanders of the sloops De Papegaaij and Dale at Jagannathapuram fell much more short than the ordinary allowance, which must be attributed principally either to bad handling during the delivery, or to the unfaithfulness or inattention of those whom the commanders had as overseers over the receiving of the cargo, both when putting that mineral into the chests after weighing in front of the warehouse, and in bringing and delivering the same to and on board their vessels; which in like manner could have taken place during the disembarkation and delivery, as it differed considerably, and much depended on whether a commander was faithful. [Continued] Ship Hendrik Vanley

Dutch transcription

51. Den 11e. Januarij 1773. Den 11e. Januarij 1773 =de als in den text, en dat ze alles in haare functien bijgenoend heb„ ben, oversulx bereijd zijn het zelve, des gerequireerd werden de met Eede nader gestand te doen Aldus gedaan en gepasseerd In 't Castoel Tot nagappatnam dato voorschreeven ter presentie van Thomas Snel, en asten„ drik Prins Clercquen ter Secretarije voormeld als getuijgen; De minute deeses is geschreeven of een zeegul van Twaalf stuijvers, en behoorlijk geteekende /:onder Hoopd:/ quod attestor /: geteekeend:/ I: F: Vancquet De Iaan E: G: Clercq Wost: Aangebdagt geleevend Seorea Sechort Pon Cemtos Extract uijt de naartemeldene be„ voordingen van de ondermeerders aan gebragte Iappans staafkooppers van Batavia; Teweeten volgens Bewinding 17560: 24: Junij „: '5 schp Zeekerlande van Batavia 40 l: 00 0 1901: 8 —: 8b 19. —. —. ¼. „ 2: aug:s o„ „ d:o Sulipenburg: . „ d:o - 1200: „10 „49606:1: —. „ 394: —: —.:¼. 1769: 12: Iunij „ „ „ Westenveld - - - „ „ -: 80. ƒ 0000. „ 9290. „ —. „ 710. —. — 1/32. Rr=m „ 21: aug:s „ „ „ Vreede lust - - - - „ „ - 2400: „ 30000. „ 29625: 4: —. - „ 375. —. —. 1/8. 1750 2: Junij „ „ „ blootlust - - - „ „ -. 00. „ 10000: „ 9670: „ —. „ 30: —. —. 1/18. „. 6:' 7ber „ „ „ doordbeveland. - - „. „ -. - 2400: „ 30000 „29213½4: —. - „ 706:½ —:¼. -. 172: 2: aug:s o„ „ alslemade - - - - „ „ - - 20: ƒ250 „ 34931: „ —: 8„ 608: —. —. 9/16. „ 5„t 8xber: „ „ „ Vreedelust - - - - „ „ - - - 2000: „250: „ 249350 „ —. –„ 650. —. ¼:- /:onderstond:/ accordeerd /: was geteekend:/ I:s Scheuweman Nog:s overdrager Extract uijt Een sadraspatnoom se Inmwraagboek geb:t den 8:' 8ber: 172. weegens uijtgeleeverde Laoding van de Chialoup Viamen 200: l:10 ps Wlaaskhoopper Sappans â ider Hoss: van 125 lb: Eijschte t Coo„ lb: 25000. — noissement.- alhier uijtgeleeverd -„ 249084 /80 Geralideerde voor 1/16. den Comto 18: 15 1/8. /: Onderstond:/ accordeerd /: was geteektend:/ J:s schouneaman Nog: Over dragers Naar Redumptie derselve meden de resdenen tot fundatie sijne oste duierie eweer verzontschuldiging bij gebragt voldoende geconsidereerd sijnde, alveer„ der gereflecteerd, dat wanneer gedagte schipper door eenige ontrouwe behandeling verongelijkt, of schaade toegebragt was, daar wel rets het minste van die natuur bespeurd hadde, denselven verpligt was gewreest ten eersten alhier ten blaatse daar het behoorde idig han„ nisse te geerven, en regt te versoekken, of dot meen dan ook in stat hadde kunnen weesen, daar na behoorlijke inquesto te doen, ingeval eenige fourberijen daarom treend plaats gehad mog„ te hebben, dog sulx niet geschied, nog door hem gedaan sijnde, niet weijnig sig verdagt gemaakt heeft deese beschuldiging uijt fuure ongegronde ofgevaste haat teegens gedagte tweede pakhuijsmeester voortgebragt te hebben, te meer denselven on„ vervolg Extract uijt Een Bimilipatnamse Bevinding Geda„ teerd den 5:' October anno 1772: voegens uijtgeleeverde Lading van de Chialoup Poeijoer Staaff koopper Jappans beslooten in 400. Aostses âe ider van 125. lb: Eijscht 't Verbandschrift- - - - - - - - - - lb: 5000. Dog alhier in zoo veel kistjes uijtgeleeverd - - -„ 49687:¾: Oversulx te koort-- lb: 31: ¼ „ Reekend 1/16. per Cento voor de Valida toe /:Onderstond:/ accordeerde /: was geteekend:/ I: Scheumeman neg: Overdraager Extract dien - . . - 53. Den 11e. Januarij 1773. Den 11e. Januarij 173 „dien eeenige reedenen van de leantiem: gehade hadde, sulx gedaan moeste hebben teegens de beijde pakhuijsmeestens, als beijd ont„ fangens van de lading geweest zijnde, waarneevens de Re„ geering noet sonder speculatie te vooren quam, dat de aan„ gebragte koopere busofses somanige met een kroop, en eenige met twee kroopjes in de kruijstouwen voorsieen geweest waaren, en uijtsondering en sepparceering der selve van den andeeren door den onder stuurman Rarensbeerg; die van het begin tot den eijnde toe het opsigt over de lading gehad heb„ „bende, den schopper ten eenemaal het geloof gedefereerde hadde aan alle het geen dien onderstuurman hem heeft aangebragt alsoo bij schipper weijnig of niet met de uijtleevering van de lading bemoeijd hadde, terwijl te deeser geleegendheijd den Eerste pakhuijsmeester schosen de gerondene knoofsen in de Kruijsbouaren der koopere Mistjes in diervoegen, als zoo eeren ge„ segd is, soo wel ten vollen affirmeerde, als het gedrag van den Onderstuurman, in het van den andeeren scheijden van die kistsjes, en de meenrigtigheijd van die, die maar met een kroops voorsien was, mitsg:s het overwigt van die der twee hanoopses, buijten en behalven, dat hyj van Eyjsden veel minder de kort gekoomen is, dan het kooper dat van het schop Vreedelust uijtgeleeveerd was, als meede off den aanbreeng van datt mineraal 't seedert het Jaar 1768. met diverse schee„ boen bij het Extract uijt de bewindingen der alhier uijtgeleever„ de ladingen aangetaond wierd, gelijk ook niet sonder ver„ denkong was, dat op het overgevoerd koopper uijt die selvde paathij van het schiol Alkhemade per de sloepen Viamen en Beijoer naar sadraspattnam en Bimalipattnam niet meer dan de gevallideerde 1/16. per Canto te kort gekoomen was dog de gesaghobberst van de Choaloupen De Passegaaij en Dale te Saggermaijkfoeram veel meer te hoort gekoo„ aoren sijn, dan de gearoone Valodatoe, het geen ten princiaa„ lem toegeschireeven moet weerden, het zij aan een quaade behandeling bij de uijtleevering, dan wel ontrouwe of in„ attentoe van de geene die die gesaghebbers als oversogtoens over de omteraingene lading soo bij het doen van dat mi„ neraal in de kistjes naar gedaane weeging voor het pak„ huijs, als het brengen en bestellen derselve, na - en aan„ boord van hunne onder hebbende Roeltjes; het geen io„ gelijker voegen plaats konde hebben gehad bij de ont„ scheepsing en uijtleevening, alsoo het Considerabel verr„ scheelden, en veel daar ovr aanquam of een gesaghebber brouwe Vervolg Schip Oiendrink Vanley

NL-HaNA_1.04.02_3375_0095 view scan ↗

English

55 The 11th of January 1773 Continuation: to hold this case. a soldier. servants or crew he has or employs, for the good or bad delivery of the cargo, just as one has many examples where the damage suffered by the masters was caused by their own crew, upon whose faith and care he had to let it rest, because it is impossible for him to keep an eye on everything himself, or when the cargo has already been received, during unpacking and shipping: All of which cited reasons and considerations, as long as no evident reasons to the contrary appear or are found, also tend to the benefit of justice and the good treatment of the warehouse keepers, and the accusation of the said skipper must be regarded as precipitated and out of sheer suspicion and a aforesaid groundless hatred against the minute recording of the said Simons: so it has been approved and agreed by unanimity of votes to grant the request of the said Simons, to keep a record of all the same in this matter for his discharge and defense in due time in case the said skipper should come to put his threat into execution. Thus done and resolved at Nagapatnam on the date aforesaid. Was signed: A:n van Vlissingen, S:s Leembruggem, S: E: G: afCaselmaen, M:s Koning, H:k A=s Johnson, Corn:s Pietersz:, P:n Apeengh, I=b van Tessel, W=m Duijnevelt, and I: D: Simons. The soldier Ieronymus Iansz: of [illegible] having requested to be discharged from the Company's service, and at the same time to be permitted to depart from here for Ceylon: it was agreed to condescend thereto, and therefore to let his pay cease, and to credit him no further than up to yesterday; but on the contrary, the soldier Hendrik Jansz: Butger was appointed as corporal with the usual monthly pay of 14 guilders, and also admitted into the Company's service as sailors at f 9 each were the persons Christoffel Colombos of Colombo, Johannes Aorthanijs of Nagappatenam, and Anthonij De Rosaijro of Bengal. Corporal. The 11th of January 1773. Tuesday 57 The 2nd of February 1773. [illegible] Resolution [illegible] to send regarding the price that the English pay for the said goods. Tuesday the 2nd of February Anno 1773. In the morning at nine o'clock. Meeting of Policy. All Present. The Merchant, Adigaar, and Mintmaster Cornelis Pietersz: [illegible] committee on the subordinate offices' letters and papers received here since the last held committee meeting, ordered in the upper lodge, those of the superiors of Palliacatta dated 19th of November of the past year up to the 16th of January of this year, and resolved and agreed thereupon to give notice that the bill of exchange drawn by them in favor of the merchant here, Tieroemenij Chettij, amounting to 507: 21: 30 pagodas in new Nagapatnam currency, has been paid with ten percent agio, and further resolved to send a copy of the writing submitted by the Company's merchant here, Ragoer Wengatarama Chittij, for his defense against the claim formulated by an Englishman named G. J. Hoissand for and on behalf of his servant Colla Singana Chittij concerning a certain debt incurred by the father of the said merchant, named Ragoer Wieragoo Chittij, amounting to 3156 ½ pagodas, originally on account of a parcel of coral, and the investigation and settlement of which was assigned and recommended to the servants according to the resolution of this table of the 11th of August of the last past year, to the said Englishman, showing that the said Company's merchant, having divided the estate of his aforementioned father with his elder brother Ragoer Bala Kistna Chettij, had on that occasion agreed that the said Ragoer Bala Kistna Chettij, residing at Madraspatnam, would hold himself accountable for the debts that might arise against the deceased, and on the other hand Ragoer Wengatarama Chittij had bound himself for the debts that might have been incurred at Palliacatta, and thus according to that convention was not obliged to satisfy the aforementioned formulated claim of Colla Singana Chettij. From the forwarded list of the prices paid by the English for the painted or woven cloths, the Government being unable to obtain sufficient elucidation as to what kinds of rumals they were that were given, whether it The 2nd of February 1773. by the

Dutch transcription

55 Den 11e. Januarij 1773 Vervolg: dit geval tehouden. een soldaat. „bedieadens om volk heeft of meet, aan de wel of qualijke uijtleevering van de lading gelijk men veele voorbeelden heeft, dat de schaade bij de gesaghibbers geleeden werdende door sijn eijge volk is toegebragt geworden, of wienstrou„ we en sorge hij het moeste laaten berusten, door dien het voor heem ommogelijk is, om over alles zelves, of als de lading reeds ontvangen is, bij afpakking en afscheeffing het oog te kunnen laaten gaan: Alle welke aangehaalde reedenen en Consideratien, soo lange en geen blijkbaare reedemen voor het Comtrorie te vooren koom„ of gewoonden weerden, dan ook ten voordeele van de regtwaardig„ heijde een goede behandeling der pakhuijsmeesters sleijten, en de besicgting van gedagte schipper te precsfitaente en uijt en vel angwaan een gelijk voorsegd ongegronde haat teegens besluijtaantekening van gemelde Simons aangemerkt moest werden: soo is met een paarigheijd van stemmen goedgevonden en verstaan het versoek van gedagte Simans intewilligen, om van alle het selve in deesen aanteekening te houden ter sijd mer decharge en vran ooming in der teijde ingevalle gedagte schipper sijne bedrijging ter Executie mogte koomen te Hellen. Aldus Gedaan en Gearresteerd Tot Nagapatnam Dato Voorschreeven /:was geteekend:/ A:n van Vlissingen, Ss:s Leembrug„ gem S: E: G: afCaselmaen, M:s Koming, H:k A=s Sohnson, Corn:s Pietersz:, P:n Apeengh, I=b van Tessel, W=m Duijnevelt en I: D: Si„ mons van solaat Seromnaus Jamns: van olareae verse geoen oe a ij e en hebbende om uijt 's Comp:s dienst ontslaagen, en teffens ge„ permitteerd te werden, van hier na Ceijlon te moogen vertrecken: soo is verstaan daar in te Condescendeeeren, en mits dien desselvs gagie te laaten cesseeren, en deselve hem niet verder goed te doen, danr bot gesteren; Dog maar en bemndrigvmn en sodaat to teegen tot Corporaal met de gewoone maandelijkse besol„ dring van 14. Guldens wierde aangesteld den soldaat Hen„ drik Iansz: Butger mitsg.:s en scomp=s dienst gead o adrissie van 3 matteosen. motteerd tot mattroosen met ƒ 9. ider de persoonen van Chorstoffel Colombos van Colombo, Johannes Aor„ thanijs van nagappatenam, en Anthonij De Ro„ Saijro van Bengale Corporaal Den 11e: Januarij 1773. Den Dongsdag 57 Den 2e: Febr: 173. dr derenen met de is e s er Besluij de desente van gev: gem: man Abrisa ekender. te zenden wegens de prijs die de Engelsen wornde ode gederen betalen. Dingsdag Den 2:' Februarij Anno 1773. Smorgens Te Neegen uuren Vergadering van Politie Alle Present Dem Pto Den Coopman Adigaar en mundtmeester Cornelis Pietersz: Mils ven dispositie bezoign over de Comptrien Oan de onderhoorige comptoires bescheijde te doen orlangen of den sel„ veer brieven en papieren 't zeedert de laast gehoudene besoigne al„ hier ontmangen, misden in de bonste lootse gerordand, die der ovfr perhoorden van Palliacatta van date 19:' november des gepasseer„ t oor kanisena zaluer ande den tot den 16.:' Ianuarij deeses Jaars, en daar ofr goedgevonden en verstaan kennisse te geeven, dat de wissel door haar ten faveure van den koopman alhier Tieroemenij Chottij alhemr ge„ troeken groot pagooden 507: 21: 30: in nieuwe nagasfatmnaanse munt ^was geworden en wijders besloten zal: Cop mat in Coman de segels met pea cento ofrgeld betaald van het geschrift door 's Comp:s ham„ delaar ginden Bagoer Wengataraina chittij ten zijner verde dis „ging overgegeeven, omr de doleaentoe om geformeerde pretentie door lemen Engelsman in naarne G: J. s Htoissand voor en van weegen desselvs bediende Colla Singana Chittij weegens seekter schuld door den vader van gedagte Coopman in naame Ragoer wiera„ goe chittij gemaakt groot vrgooden 3156: ½. Oonsproenkelijk uijt den hoof van een parthij Coraalen, en welkens informatie en afdoening volgens besluijt deeser toffel van den 11:' augustus des Joongst: Verstreeken Jaars, de bediendens ofgedraagen en aan„ bevoolen was, Copie te sonden aangelagten Engelsman tien blijfde en der warteijnde. dat gedagte Compagnies Cooppman, de nalatenschapp van zijn voor„ melde vader, met desselvs Ouder broeder Ragoer Bala histora chottij verdeelt hebbende, bij die geleegendheijd over een gekoomen waaren dat gedagte Bagoer Bala hostena Chottij te ma„ draspartnaam verblijvende, zig verandewoordelijk stellen soude voor de schulden w:a die teegens den Overleedene mogte ovrRoomen en daar en teegen Ragoer Wengalaaama Chittij sig verbon„ den had, voor de schulden die te Palliacatta mogte sijn ge„ maakt, en dus conform die conventie noet verpligt was de voorschreeven geformeerde pretentie van Colla Singana choffij te voldoen Uijt de overgesondene malitie der prijsen die door de Engelsen Last en duijdelijken denoportie betaald wierden voor de kdoode of gesaaijde kleeden, den Regeering geen genoegsaame Olucibatie kunnende erlangen mat soorten van Roemaals waaren, die ofgegeeven wierden, beweeden, of het Den 2'. Febr: 1773. door V de

NL-HaNA_1.04.02_3375_0097 view scan ↗

English

59. The 2nd February 1773. The 2nd February 1773. whether this is the Esta, Sestirgantij, or red checked or Indian variety: it was resolved to order the chiefs to make a further and clear demonstration concerning this, and furthermore to state the difference in value between the Madras three-figure pagodas and the new Nagapatnam pagodas, as well as the width or size of the Olle measure by which the sorted cloths are laid out; furthermore giving the servants to know that regarding the received sample of fine yarn, this Government's pleasure would be made known to them as soon as it had been examined; meanwhile this Government is satisfied with the accounting of the chiefs regarding the prolonged detention of the dust and rubbish of spices, in respect of which it was resolved most seriously to recommend all attentiveness to the chiefs in the future, as well as with regard to maintaining the necessary supervision concerning the prompt and regulated offloading of Company goods, in order to avoid all excessive deficits. Further approved was the sending of the bar copper, Japan copper, and spices to Sadraspatnam for the continuation of the trade there; but on the contrary, the servants' conduct was disapproved concerning the opening of the account and charging of the secunde Hendrik Scoffier with the same on a newly formed account of claimed compensation of the year 1771/1772 for the amount of the loss on the Palicol chintzes sold at a loss in Europe, whereas this ought to have been done directly under his own name; wherefore it was resolved to order the chiefs still to do so, or to form an account in the name of the secunde Hendrik Scoffier, who was furthermore granted permission, pursuant to the resolution of the 26th of December last, to come hither for a short stay, since the chief has testified that he could well be spared for a time, as the work depending on him has not only been mostly performed, but also because an invasion of the Marathas into these lowlands was not to be feared for the present, due to the precautions taken by the English to prevent this, or at least to make it as difficult as possible; and it was furthermore resolved to write that the stay of the 61. The 2nd February 1773. The 2nd February 1773. said secunde here must not exceed one month, and he must complete the journey to and fro as quickly as possible without delaying anywhere, with the further order that upon his departure the second key of the main cash box must be handed over to the scribe De Baralet, and regarding the advance disbursements to the merchants, this must also be settled and regulated in such a manner that this is done before his departure, because if it were postponed until his return, the time would not only be too far advanced, but it would also sometimes serve as no small impediment to the defective fulfilment of the orders by the merchants, who might very easily blame this on the late receipt of funds, since the Government did not wish to see the collection hindered for any private affairs, reasons, or motives, nor tolerate that any unnecessary occasion be given thereto; just as the Government was not without fear of an unfavourable outcome of the collection of this year, since up to now the contracts had not been concluded though the financial year was already half over, about which it was also resolved to express this Government's displeasure, and that it would gladly be informed of the reasons why there was such long delay in entering into and concluding those trade agreements, which being regarded as a bad habit and impropriety, it was furthermore resolved to order the chiefs to prevent this in the future, since their pretext that they wished to receive no further money after the end of the month of February in order not to be in debt on their final settlement at the end of that month was not a sufficient reason why the contracts could not be concluded. After this it was resolved to authorize the servants to write off the expense accounts for the months of October and November last, as well as to readmit the recently discharged six sepoys, on the grounds of the reasons given for the necessity thereof; but their further request for the reinstatement of the 18 cashiered sepoys was resolved to be rejected, because the reasons presented to that end by the chiefs could in no way be accepted by this Government to induce it thereto.

Dutch transcription

59. Den 2: Febr: 1773. Den 2e. Febr: 1773. vrjonshr lijn garen. „ram preijen. en ont elk ben voe eben heofen en perijk ven ade springheyt dit hien lasting not den sceumnde sooffien de Esta, Sestirgantij, dan wel roode geruijte of indiase zoort. is: soo is verstaan de opperhoofden te gelasten om een nader een duijde„ en wat daarneven antekomen, lijsten demonstratie dienaangaande te doen, en daar neevens aan„ tetoomen, het verschile der waarde tusschen de madrassa tonaim„ se driebeeldige, en de nieuwe nagapatnamse bagooden, als mee„ de breete of de grootheijde vaon de Olle maat doeer sordennen„ uijtgeselde dsoskenopens het een; Onder te doene te konnen geeving aan de bediendens dat nofens het ontfangene monster fijn gaaren, haar 't goed vinden deeser Regeering soude doren voekogmen, soo dra wegns d'aanhonding van tut eseng mij et zelve g'examineerd soude weesen; Intusschen loet de Regeerring sig welgevallen de verandwoording den oppere„ hoofden, ten belange van de lange aanhouding naar het Htoff en Gruijs van specerijen, waaromtrend verstaan wierd de opperhoorden alle ofsestentheijde, in het vervolg soo wel of het serieuste aan tebeveelen, als ten opsigte van het doen houden van het noodig opsigt, omtrende het spoedige en geri„ guleerde ontlossen van scomppagnies goederen, ten eijnde alle Excesseve minderheeden te vermijden Mperobati van de zending van Werdeende wijders gordgekeurd de gehaane semding van het Mtaafshoopper Jaspaans, en specerijen naar Sadera Appattnam tot voortselding van den haandel aldaar; dog naar en tee„ gena afgekeurd miend, den bediendens behandeling amatarende de offining van de mia mabe belasting van den secunde Hendrik Scopfier met den sel„ „ven of een nieuwe geformeerde Reekening van Aangeree„ Hemde vergoeding een belasting de anno 177½. te belasten voor het bedraagen van het verloorene op de in Europa met schaade vroslogte Palicolse chitsen, daar sulx diract of sijn nejdrig zulk mede maken eygen naam hadde moeten geschieden; weshalven verstaan wriende de oppenhoarden te gelasten, sulx als nog te doen, of een te formeerene Reekening van Deen Onderhooffmaar om secunde afhendrik Scappier aan mien meer wijderis goed, pommisie an deseve teen vand, ingevolge het beslootene ter Resolutie van den 26.' December J:o leeden ter permitteeren dit heen voor een sporinglogt: temmoegen Roomen, alsoo het opper hoofde betuijgd heeft, denselven voor een tijd wel gewest konde worden, nadien het werk van hem dependeerende, voor het grootste gedeelte noet alleen verrigt, maar ook voor een invasie der manrattijs in deese bemeede landen, voor eerst ook niet te vreesen was, door de Voorsorge, die door de Engelsen ge„ bruijkte wierde, om sulx te belellen, toen minsten soo veel mogelijk beswaarlijk te maaken; en maar bij men al werden besloot aanteschrijven, dat het verblijf van ge, bolnghij den al moen bin gean dogte 61: Den 2e' Febr: 1773 Den 2e. Febr. 1743 vrder las derwegens. van den insaam. ongenngen derwegens. aannaming van nog Ed: Htux: onkstakening in. dagte secunde alhier, met langer dan een maamd soude me„ ten weesen, en de heen en weeder Rijse soo spoedig als mo„ „gelijk was, volroeren moeste, sonder sig ergens offte houden, met verder last, dat bij sijn vertreck de tweede sleutol van de groote cassa g'intrageerd soude moeten werden aan den scriba De Baralet, en Bewoist van der waarde oor dat ten belange van de voor uijtverstrecking aan de Cooplie„ den, ook in dier voegen geschottt en gereguleerde moeste werden dat zulx voor zijn vertreck geschiede, dewijl tot zijn terugtkomst uijtgesteld werdende, den tijde noet alleen te ver ingeschooten sou„ de weesen, maar ook soomtijds tot geen geringe Empechement komenen streckten, tot de gebreekige voldoening van het opge„ draagene aan de cooplieden, die veel ligt sulx of de laate ont„ fangst van benningen soude hunnen schuijven, Dewijl de Regeering den Insaam oam geen particuliere affaires, reedenen of insigten gestremt wilde soen, nog dulden dat daar toe eeni„ sue van en nodig uijtig ge oorsake gegeeven wierde, gelijk de Regeering moet som„ deer vreese was, voor een onvoordeeligen uijtslag van den Jnsaam van det: Jaar, nadoen tot nog toe de Contracten niet geslooten waaren daar het boek jaar reeds den halven ver„ loopen was, waar over dan ookk verslaan is, het vngenoegen deeser Regeering ter betuijgen, een gaarne geinformeerd sou„ de willen weesen van de reedenen, waarom met het aan„ „gaan en sluijten dier handel scherifboen soo lang getalamd wieer„ de, het geen voor een quaade gewoonte, om voegeelykheijd aan gemeerkt zijnde, alveerder beslooten wierd, de opperhoofden ondr voor den aanstaande te Ordonneeren, sulx in den aanstaande voortekoomen, de„ wijl hun voorgeeven dat geen geld verder milden ontfangen daon na verloofs van de maand Februarij, doen Eijnde om bij hun„ ne afreekening onder ult=o diermaand niet debet toereesen geen voldoende Reeden was; dat daarom de Contracten niet soude kunnen geslooten werden Heer na wiend verstaan de bediendens te qualificeeren tot afschrijving van zmandelijke de afschrijving van de onkostreecqueningen van de maan„ den Octobeer en November lestleeden, alsmeede tot Beadamis, read missie van 6 sipaaijs sie van de Jongst afgedankte sos siffaaijs, uijthoorde van de gegeevene rerdeenen van does nordsaakelijkheijd, dog hun dogon zegd versoek te wede verder versoek tot weeder aanneeming van de gecasseerde 18. Sissaijs, is verstaan van: de haende tewijsen, door dien de reedenen been doen eijnde door de oppenhoofden bij gebragt, gim deese Regeering duar toe te bevreegen geeen sinds hebben konnen geaccrediteerd werden. —. deeser Tomn. en waarom

NL-HaNA_1.04.02_3375_0099 view scan ↗

English

63. The 2nd February 1773. The 2nd February 1773. Concerning the factory Sadraspatnam, it was resolved, in reply to the servants' received letters from 24 November of the past year to 21 January last inclusive, to give them notice of the payment of the bill of exchange made by the chiefs in favor of the merchant Tieroemenij Chiltij, and further to express this Government's satisfaction with the chiefs' attentiveness in demanding copper and spices from Palliacatta to continue their trade, in order to accommodate the chiefs who came for that purpose, and thus to prevent them from taking back their cash brought along, or spending it elsewhere on other merchandise. However, regarding the fetching of those merchandises from Palliacatta, it was resolved to let the chiefs note that for the conveyance of the same it would have been enough if a good sailor or gunner had been sent for that purpose, instead of the assistant van Odijk, because thereby more than three pagodas could have been saved, just as the sending back overland to Palliacatta of the heavy weights, with which the copper had been received and delivered, was also noted as unnecessary expenses incurred, as they could easily have remained until a sea opportunity, in order to save the coolie wages paid in that regard, which they should be ordered to observe in the future, and to be mindful of frugality in every part. Meanwhile, it was noted with satisfaction by the Government that the books of the past trading year 1771/1772 were closed with a net profit of f 704:16:8 after deduction of charges, while the Government did not doubt that the chiefs would neglect nothing to improve the state of that factory more and more, and to make the affairs of the Honorable Company there ever more agreeable. Subsequently, upon the request made by the merchant Goemdoer Baal Chittij and the expressed willingness of his guarantor, the Junior Merchant and Second Warehousekeeper, Joan Daniel Sermans, it was resolved to increase the suretyship on his behalf from 2500 to 3000 pagodas, and therewith decided to authorize the chiefs to release the increased advance to the factor of the said merchant, with instructions that he would thus have to deliver linens each time for the 3000 pagodas to be enjoyed to an amount of 3300 pagodas, in order to serve the aforementioned excess amount in reduction of his debt. 65. The 2nd February 1773. The 2nd February 1773. Meanwhile, the Government expects to see the desired effect of the promise made by all the merchants jointly for the complete fulfillment of the demands assigned to them, to which end it was wished that all obstacles that had an adverse influence on them or could cause such might be removed in a timely manner. Furthermore, the reasons given by the servants were considered satisfactory regarding the small metal pieces sent from there hither, which were found here to be only copper blunderbusses, mentioned in the Resolution of 7 November of the last expired year; namely, that those small metal pieces, having originally in fact been blunderbusses or musketoons, were converted into pieces in the time of Chief Spits, just as the servants found in the journal of 1740/1741 on page 52, copper musketoons made into field pieces with gun carriages, continuing under the gunners, and had run on as such until August 1744, since when they had simply been called small metal pieces with gun carriages, under which name they were also sent hither without carriages, and the latter were written off pursuant to authorization from here by letter of 7 June 1767. It was further resolved to order the chiefs to send hither by the first occurring opportunity the unserviceable screw jack, and the cannon shot of various calibers resting over there consisting of 299 cannonballs of 11 lb and 272 pieces of 5½ lb, just as it was also resolved to present to Their High Mightinesses the petition of the Secunde De Neijs, dedicated to Their High Mightinesses, tending to request relief from the retail amounts charged to his account according to the marginal disposition at the meeting of 7 November of the past year on the memorandum of underweight of the last of August 1771/1772, of 10¼ lb cloves and 2 1/8 lb nutmeg, being the excess underweight beyond the permitted 1 per cent allowed, amounting together to f 60:3:8.

Dutch transcription

63. Den 2e. Febr. 173. Den 2 Febr 173 meni hinis l ten savere van tier„ ceis in pecenejen van Laluicatha afhaal. lan van de Soapd gewigh voor Baal Chittij van 2500. tot 3000 pagrd Slot sder boeken van A:o 17½: daaromtrent. Gedan bechlingven neven gemnde Ten belange van het Comptoir Sadraspatnam is verstaan of der bediendeens ontfangene letteren van den 24. november anno pass=o tot den 21.:' Ianuarij J:oleeden inclusen, haar kommesse te geeeven, van de gedaane betaaling der wissel door de opperhoofden den faveure van den Coopman Tieroemenij gingnove egedemeise mn chiltij gebrocken, een voorts hut genoegen deeser Regeering te betuijgen over de opperhoofden attentie in het Eijsschen voon Voopere en specerijen van Palloacatta let voorts ling van den verthoer van handelen haarren, ten eijnde de daarom„ me afgekormene Hoofleden daar meede te gewrieven, en al„ soo te prevenieeren dat se hunne afgebragte contanten niet weeder teruggenoomen, off in andere Cooppmanschap o dog remanque wegens dus den, elders besteed hadden; Dog omtrend den afhaal dier Cooppmanschappen van Palliacatta, is voorstaan de op„ verhoofden der doen Rennarqueeren, dat tot den Over„ breng derselve genoeg was geweest, wanneer een goed maltroos off Canmonier daar toe was gesonden, in„ steede van den adsistent van Odijk, dewijle daar door per over de kenglending over derie pagoodeen besuijtigd hadde konnen werden, soo als ook voor onnoodige gemaakte Ongelden wierd aan„ gemenkde den berug sonding oerlaande na Palliacatta van de stainde gewrigten, waar meede het koopper ontvangen, en uijtge„ leeverde geworden was, alsoo gemakkelijk tot een seese geleegende„ heijd hadden konnen blijven overleggen, om de dien aangaande be„ taalde Coelijloonen uijttenwionnen, het geen haar bevoolen souden bevel voon den aanstaande werden, in den aanstaande in opservaartie te neemen, en in alleen deele ofr de suijnrigheijd, hoigeering ook bedagt te weesen. Immiddels. wierde bij, de Regeering met genoegen beseurde genogen over ht vordalig dat de boeken van het afgelegde handel Jaar 177½. ge„ slooten waren geworden met een overwinst van ƒ 704:16:8: na detractie der lasten terwijl de Regeering niet terijf„, in wlk veragting. felde, of de opperhoofden soude niets versuijmen, om den staat dier factorij meer en meer te verbeeteren, en den seek„ hoe langer der E: Compagnie aldaar ^ hoe aangenaamer te maa„ Vervolgens is op het gedaan versoek van den Cooppman Verkurging van de borgtogt. Goemdoer Baal Chottij en betuijgde bereijdwilligheijde van desselvs borge den Onderkoopman en tweede pakhuyjsmees„ toar, Ioan Danoel Srmans, verstaan, de borglogt den sijnen behoeve te vermeerderen van 2500. lot pagoo den 3000. en mots dien beslooten, de opperhoofden te qualificeeren, hem. der e 8ie 65 Den 2:. Febr 173. Den 2e. Febr: 173. de doen aanst: e wegens voldoening der bijschen wernsch den angaande woording nopens net:s gen 2en valde sfi waarin dezelve bestaan Hoog Edelens van het request van 6 ge onbequame goederen. doe vermerdende saaavenae an den factoar van gedagte haa de„ laar aftegeeven, met aanschrijvens dat denselveen dus tel„ kens voor de te genietene 3000. fagooden voor een montaant: van Pagoo den 3300. aanlijwaaten soude moeten leeveren, om het voormelde meerder bedraagen te kunnen dieneer Verwigting van de Complte in mindering van desselvs debet. Ondertusschen vermag te de Regeering het gewenscht Effect te sien, van der ge„ samentlijke cooplieden gedaane fromesse ter compleete voldoening der aan hun offgedraagene Eijsschen, ten wel„ hen eijnde men wenschte dat alle hinderspaalen die een nadeelige invloeijsing ofr deselve hadden of daar toe ver„ oorsaaken konden tijdig uijt den weg geruijmt moogen vor ordandegehonden de wint werden: voortlst wierd voor volderende gehouden, der be„ diendens gegeevene reedenen nopens de van daar tot heen overgesondene metaale stukjes, dewelke alhier bevon„ „den sijn, maar koopere domder bussen te weesen, der Re„ solutie van den 7.:' november des Jongst Verstrecken Jaars vermeld; Namentlijk dat die metaale stuck jes in sijn Origineele in den daade bondenbussen of musquet„ touirs geweest zijnde, den teijde van het opperhoofd fpits in stuckjes berschaappen waaren, gelijk zij bediendens bij het Journaal van 174 5/1. op Pagima 5. 2. Hooskere Mus quettoos tot veld stuk koo gemaakt met affuijten, nu onder den bus„ schoeten voortloopende gevonden, en sodanig voortgelooppen had„ „den, tot augustus 1744. , als of 't zeedert wanneer een vou„ dig genoemde waaren geworden kleijne metale stukjes met aff„ fuijten onder welke naam, deselve ook sonder affuijten dit heen overgesonden waaren geworden, en de laaste ingevolge qua„ lofficatie van hier bij brieve van den 7.:' Iunij 1767: afgeschree„ ven waaren. Weerdende voorts beslooten de opperhoorden te ge„last ter overzinding van am„ lasten per voorkoomende geleegendheijd herwaards overtesenden tot onbequaame Dommekragt, en de ginter berustende waar calober Rondscherp bestaande in 299. stux Cannonkogels de 11. lb: en 272. stux de 5½. lb:, soo als alwarder gersoleveerd wierd te doen anbieding aan huar het Request van den secunde De Neijs aan Haar Hoog Vvesicunde deneijs Edeleens gedediceerd, tendeerende instaentie ter onthreffing en wat hetselv behelst. van de dean volgens de marginaale dispositie ter setting van den 7. ' november de anno passato, of de memorie van onderwigten van ultiomo Augustus 17/½2. of Reecqueming belaste uijthoops bedraagen van 10¼. lb: Nagulen en 2 1/8. lb: nooten, of het meerder minarigt dan de geppermit„ teerde 1. per Cento beloofft, Tesaamen importeerende ƒ 60: 3:8: bij bij

NL-HaNA_1.04.02_3375_0101 view scan ↗

English

The 2nd of February 1773. The 2nd of February 1773. Upon the first occurring opportunity to offer the well-mentioned Their High Honours' promotion to assistant to Your Honour; and furthermore, due to expiration of time, the assistant Pieter Bar is promoted to Bookkeeper at f 30. per month, as well as the soldier Johannes De Kooning increased in salary to f 14., and the fellow soldier Pieter Boesselaar relieved to come hither. Whereafter it was approved to pass the write-off of the expense accounts for the months of November and December last, with the declaration made that the amount charged for the raising of the flagpole had appeared too high to the Chamber, as well as that it had been noted with displeasure that among the monies running per memorie, the adigaar of the village was in debit for pagodas 148: 16½, and the toll collectors for pagodas 337: 2½, or together pagodas 485: 19, on which account it was understood to instruct the chiefs anew, as has frequently occurred, to cause those monies to be counted into the cash box at the earliest, and once the same are finally liquidated, to take care that such entries remain cleared from the books in the future. To the Resident of Portonovo it was resolved to notify in answer to his letters of the 25th of December and 19th of January that opportunity would shortly be provided to him to dispatch hither the 14 packages lying ready over there, and upon that occasion there would also be sent to him the requested measuring stick and two sorting chairs, if the latter, being a trifle, could not be bought or made locally even for a reasonable price. Furthermore, it having come disagreeably before the government that the dilapidated and poor condition of the Company's warehouses at the wash place Wannarpalium had progressed so far that if they were not repaired promptly they were in danger of collapsing entirely, as well as that the tanks and wells for the service of the bleaching of the Company's linens had to be deepened and cleared out, all of which will again cost the Hon. Company a pretty penny, which the government wished were otherwise, as the times and condition of affairs were by no means disposed toward incurring any non-essential expenses; but reflecting on the contrary upon the necessity of that proposed repair and maintenance of that bleachfield as long as the collection of linen is done there, it was approved and resolved to authorize the Resident to remedy those defects, with orders to send over an estimate to that end, and to state and specify therein how much each repair will cost separately, in order to be provided with the further orders of this government regarding it, and at the same time to recommend to him, in calculating the same, to observe frugality in everything to the best of his ability, as is trusted has been done regarding the expense accounts for the months of September, October, November, and December, for the write-off of which he would accordingly be authorized, as well as for the gifts presented in the past year. Upon resumption of the letters from the Cuddalore postholder, it was resolved to authorize him also to write off the expense accounts of the months of November and December last, and what was presented as gifts to the toll collectors of Bommapaloum and Catsapoellear Cool, as well as for the repair of the defects to the lodge there according to the estimate sent over by him, in the expectation that in the drafting thereof economy was properly observed, and that he will promptly fulfill his promises that everything would be made firm and strong. Concerning the factory of Palicol, upon that which was written in the chiefs' letters of the 10th of October, 8th of November, 4th and 12th of December past, the contracts received and concluded there with the merchants for what was requisitioned for the Fatherland, India, and the year 1773 were approved, with the declaration that this government would await the prompt fulfillment thereof in its time, and furthermore trusted that in this respect one would not be so duped as had happened concerning the diminution of the debts of the merchants there in the recently concluded business year of 1772, as one had to perceive upon the receipt of the settlements, to the uttermost surprise and no less dismay, that instead of diminishing, the arrears had increased.

Dutch transcription

67. Den 2e. Febr: 173. Den 2'. Febr. 1773. gagfie. slopende gelden. en met wat last. neven gen: 4. pak: van pontenovo dte der bleekerij uijtgehiept en opge„ haald mesten werden slegte Constitutie van de pak„ en 2 sorteen stoelen. „bij eerst voorkoomende geleegendheijd welmelde haar hoog bevordering m an adsisent tw Edeleens aantebieden; en wijders den adsistent Pieter Bar mits tijds Expiratie bevorderd tot Boekhouder met verkoreing van an soldaat in ƒ 30. teormaande, als meede tot ƒ 14. in gagie verhoogde den sol„ sulsing ven en ander dit daat Iohannes De Kooning, mitsgaders den meede soldaat Pieter Boesselaar naar hormaards verlost afboking van alsen ontartakt: Waar na men goederonde dor afschrijving te passeeren de On„ kostreecqueningen van de maanden november en December dogonde welk betuijging J=o leeden, onder te doene betuijging, dat het ofgebragte voor het opsetten van de vlagge stok te hoog of stok loopende ongenoegen ven de Camenoarte vooreen gekoomen was, als meede dat men met omge„ noegen besipeurde hadde, dat onder de per memorie looppen„ de gelden, den adigaar van het dorf pagooden 148: 16½. en de Thol keffers pagooden 337: 2:½. of te saamen Pagoo„ den 485: 19: debet leepen, weshalven verstaan wierd de opperhoofden gelijk te meermaalen geschied is, off nieuw te gelasten om die gelden ten eersten in Cassar te doen tolleen en alsoo deselve finaal geliquideerd zijnde sorge te draagen dat diergelijke posten in het vervolg uijt de boeken gecreerd bleeven.—. aan de handtegevene ocasie om Aan den Residant van Portonovo is verstaan em aand„ woord van sijne brieven van den 25:' December, en 19. ' Janu„ arij te adverteeren, dat men hem eerstdaags geleegendheijd aan de hande geeeven soude, om de ginter in gereedheijde leggende 14: packeens dit heeen te versenden, en bij die occagie hom ook te doene sening van an matstuk toegesonden soude werden de versogte maatstok en twee sor„ voenstoelen, indien de laaste als een geringheijde weesende den dogin ven geme: telaste. oversending aldaar, selvs voor een Cirrle prijs noet gekogt of aangemaakt konde werden. Voorts de orgeering on aangenaam te vooren gekoomen op aanquaamheil door de„ sijnde, dan bouvalligen en slegten vorstaand van 's Comps:s huijse o de was as pakhuijsen op de wasch plaats wannaar palium, in soo vere dat wanneer met haast verholfen wierden; ge„ vaar liefpen van ten eenemaal in te sorten, soo meede dat en dat de hanken en pusten de Taanken en Putten, ton dienste van de bleekerij van sComp:s lijwaaten, uijtgediept en opgehaald moeste werden, al het welke d' E: Comp=e weeder een mooij stuijvertje sal koo„ men te kosten, het geen de Regeering wel anders wenschte alsoo den teijde en toestand van saaken, gaantsch noet gesteld waaren, om eenige ongelden van aangeleegendheijd te doen; dog daar en teegen gereflecteerd weesende, op de noodsaake„ lijkheijd van die voorgestelde te doene Reparatie, en onder 100r8. houding bekhoude 1 hiers te tunren 69. Den 2e. Febr: 173 Den 2'. Febr: 1773. te zendenden met welk antong &commandatie der wegens onkat net: Ao. Passer rak: Tollenaars. sodanig nijt gedupeerd weesen sal als nppens de schelden. Slotene Contracten „houding dier bleekerij, soo lange aldaar den Insaam qualificte tot dis erhling werde gedaan:, soo is goedgevonden en verstaan, den Resident last enCalculatie gawvar over, tot de verhelping dier gebreeken te qualificeeren, met or„ dre ten dien eijnde een Calculatie overtesenden, en daar bij aan te boomen en of tegeeven, hoe veel ider Reparatie appart zal koomen te kosten, om met de nadere ordre deeser Regeering dien aangaande gemunieerd te werden, en hem teffens te recommandeeren, in het Calculeeren der„ selve, de suijnigheijde in alles na vermoogen te betrag„ qualifiatieten afst van nier ten; soo als vertrouwd werd geschied te zijn, omtrend de onkost reecqueningen van de maanden september, October, november, en december, dierhalven den sel„ ven gequalificeerde soude werden tot dies afschrijving jtem van het verschenkene in soo wel, als van het verschonkene in anno pas„ zomende na Coedelaer van 2 onk: Bij Resumptie der brieven van den Coedeloersen posthouder is verstaan denselven meede te qualificee„ ron tot de afschrijving van de Onkkostreecqueningen van de maanden November en December J=o leeden emn het verschenken aar de om het voorschoonkheene aan de Tollenaars van Bomea„ jtam tot verhlig vandeg beken paloum en Catsapoeleaar Cool, als meede tot de ver„ helefsing der gebreeken aan de logie aldaar volgens daar van door den selven overgesondeene Calculatie in verwagting in wor iendagting dat in het formeereen derselve de menage, naar behooren behaartigd os gewoorden, en denselven aan sijne beloften dat alles hegt en sterk gemaakt zoude werden, promopt zoude koomen te voldoen. —. Ten belange van het Comptoir Palicol worerd of het Aprborti van de aucok ge„ geschreevene bij der opperhoorden letteren van den 10. ' October, 8.' november, 4. ' en 12. December passato, ge„ approbeerde de ontvangene contracten met de Cooplieden aldaar geslooten, van het g'eyschte voor het Pattria, India, een den Jaar 1773. , met betuijging dat deese Re„ te doen betuiging duerweg: geeving de promste voldoening daar van, of syn teijd soude blijven afwagten, en wijders vertrouwde, dat verhouwing dalmen vaaronteent daarom torend meede niet sodanig soude werden ge„ dusseerd, als geschied was, omtrend de demunatie der schulden van de Cooplieden aldaar, in het Jongst afge„ legde Maondel Jaar van 17½, alsoo man tot de uijttenste warin hat sus bestet sucffrise, en moet minder ontstigting, bij de receptie van de afreekeningen daar bij heeft moeten Ontwaa„ ren, dat in plaatse van te vermondeeren, de agterstallen helbing sado. —. C Jan de ogiel met

NL-HaNA_1.04.02_3375_0103 view scan ↗

English

71. The 2nd of February 1773. The 2nd of February 1773. had increased by an amount of ƒ 6212. 17. 8., contrary to their so often made and also repeatedly reinforced and assured promises in that regard, with which all their letters are filled, to such an extent that no other conclusion could have been drawn from them than their settlement, just as the Government had also already flattered itself, but upon receipt of the aforementioned settlements, which were only sent over along with their letters of the 4th of December last, it had to experience the contrary, concerning which, ample deliberation having been held on the matter, the conduct of the servants appeared in every part very suspicious, and thus to the highest degree condemnable, notwithstanding the fact that the chiefs seek to cover it up with the sickness and the resulting heavy mortality among the local inhabitants, because of which the same, or those who remained, having fled, all trade was brought to a standstill, with more other additions, which however were regarded by the government as nothing other than frivolous evasions, whereby the chiefs also tried to excuse themselves, their bad management and faithless conduct maintained in this matter, and the frivolous, excessive advance distributions made, which the merchants were not able to balance again by delivery of linens due to the running out or expiration of the book year, or that those monetary advances amounted to more than the demands totaled, since the same, according to the servants' writings of the 10th of June of the past year, thus nearly three months before the end of the book year, except for a small amount of 31 pieces, being fulfilled, they at that opportunity simultaneously requested authorization to be allowed to proceed with the collection of linens, with a request as to what assortments the same should be, in order to wipe out the remaining debit of the merchants, which could and should also have occurred if the chiefs had not again acted recklessly in the dispensing of funds, if not an even worse treatment or abominable squandering had taken place in that regard, as was also assumed as certain and had to be concluded from the whole report of the matter, that much was hidden behind it, since it was otherwise not to be imagined what reason the chiefs might have had to close the settlements so late and only send them over on the 4th of December, whereas the requisitions, as aforesaid, were fulfilled very early, and the linens were dispatched to Jagannathpuram, was it not in order to reduce as much as possible, through the new disbursement of pagodas 18667:—:— or ƒ 84001: 10:— which was made on the 14th of October last, the old debts of the merchants as of the end of August of the closed book year, and thus to keep hidden from this Government the true unfavorable state of the same, as one had to assume firmly that if the account of the merchants had been made up immediately after the fulfillment of the demand, the debit of those traders would then also have increased in the closed book year by an amount of ƒ 10709. 6. 8., instead of the aforementioned sum of ƒ 6212: 17: 8: because the amount of the demonstrated and stated stock of linens in the sum of ƒ 12496: 9:— belonging to the new disbursement, having been collected from those funds, had to go towards the fulfillment of the new requisition, but by no means be brought to the credit of their previous year's debit, as from all the circumstances clearly appeared to have been practiced by the chiefs in a completely impermissible and also faithless manner; so that however the matter is viewed, the same presents itself as very disadvantageous and condemnable for the chiefs, all of which then was approved and agreed to be put before the chiefs under expression of the utmost displeasure of this Government over their faithless conduct in this matter, by no means befitting well-disposed servants, for which they had been regarded by virtue of the continuous promises and favorable description which they repeatedly gave of the state of the debts, and also gave hope for the liquidity of the same, so that they have justly deserved on that account to be corrected according to merit, but which it was understood should be left deferred to Their High Excellencies, how Their High Excellencies will please to take the conduct of the chiefs, and in the meantime decided by a unanimity of votes, to have the aforementioned increased debts in the sum of ƒ 6212: 17: 8: counted by them into the cash box at once; without making any the least demonstration on that account, or submitting any remonstrances for delay or otherwise.

Dutch transcription

71. Den 2. Febr 1773. Den 2e. Febr: 1773. „met een montant van ƒ 6212. 17. 8. vermeerderd waa„ ren, Comtrarie hunne soo meenigweaff gedaane en teffens telkens bij rertorratoe herhaalde en verseekerde beloften dienaangaande, waar van alle hunne brieven opgevuld zijn, in soo vere, dat daar uijt geen andere gevolg trec„ king heeft konnen gemaakt werden, dan de voldoe„ ning derselve, gelijk de Regeering ook sig daar meede reeds gevleijde hadde, maar bij den ontfangst van de voorsz: afreekeningen, die eerst neevens hunne lette„ ren van den 4:' December lstleeden overgesonden sijn het teegendeel heeft moeten ondervinden, waar over ge„ Ample delibenatie dan over de lobereerde zijnde, quam het gedrag der bediendens in alleen deele seer verdagt, en dus den uijttersten Condem„ nabel te vooren, niet teegenstaande de opperhoofden het soeken te bedecken met de zichte, en daar uijtgevolgde swaare sterf„ te onder de ingeseeteenen aldaar, daarom deselve, of die over„ gebleeven zijn uijtgeweeken weesende, daar door allen handel tot Aoel staande geraakt was, met meer andere bijroegselen, dog de bij de vegeering niet anders, dan voor Coudene uijbvlugten wierd aangemerkt, naar meede de opperhoofden bongbem sig verschoon„ baar te maakten, hunne quaade divectoe en ontrouwe handelwijse, in deesen gehouden, en de legtwaardige te veel gedaane vooruijtwer„ Aroktingen, die den Cooplieden niet in staat zijn geweest, vie„ „gens het uijt, of ten eijnde loopen van het bookJaar door leveran„ „tie van lijwaaten weeder te vereevenen, of dat die geld verschie„ lingen, meerder hebben g'emporteerd, dan de Eijsschen bedraagen hebben, na dien deselve volgens der bedovendens schrijvens van den 10. ' Iunij des gepasseerden Jaars, dus bij na drie maanden voor het afloopen van het boekjaar, of een gerringheijd van 31. frclten na voldaan zijnde, bij die geleegendheijde toffens qualifie„ catie hebben versogt, om met den insaam van lijwaaten te moogen voortraaren, met versoek in wat sortementen de„ selve soude moeten woesen, ten eijnde het Restant debet der Cooplieden intespalmeen, het geen ook hadde kunnen en moeten geschieden, indien de opperhoofdeen in het foeeren van pennin„ gen niet weeder onbesonnen hadden te werk gegaan, soo inaar geen erger behandeling, of verfoeijelijke moorsserij daar„ aamtiveend heefd plaats gehad, gelijk zulx ook voor vast gesteld, en uijt de gantsche oordragt van de saak of„ gemaakt moeste wierden, dat daar vels agter schuijlde dewijl het anders niet te denken was, wat reeden de opperhoofden mogten hebben gehad, om de afreecquemings zoo laat 1n vervolg Den 2:. Febr: 173. Den 2e. Febr 1773. Verole verdient hebben Edelens overtelaten, en de vermeerderde „laat te sluijten, en eerst den 4. ' December overtesenden, daar de petitien gelijk voorsegd, al heel vroeg voldaan, en de lijwaa„ ten naar saggeernaijk poeram versonden sijn, was het niet over door de nieuwe verstreckting van pagoode en 18667:—: off ƒ84001: 10:—: die dean 14. ' October Jongstleeden gedaan is, de oude schulden van de Cooplieden onder ultimo augustus van het afgelegde borkJaar soo veel mogelijk te verkleij„ nen, en dus de weesentlijke disfavorabele gesteldheijde der„ selve voor deese Regeering verborgen te houden, alsoo mem vast veronderstellen moest dat waanneer de Reecquemring van de Coopleden ten eersten na de voldorening der Eijssch„ ofgemaakt was geworden, het debet dier handelaars dan zoude ook in het afgelegde boekjaar vermeerderde „ zijn geworden met een montaant van ƒ 10709. 6. 8. , insteede van de hier vooren vermelde somma van ƒ6212: 17:8: woart het be„ draagen van den aangetoenden en ofrgegeeven voorraad van lijwaaten ter somma van ƒ 12496: 9:—: tot de nieuwe verstrecking gehoorende, als uijt die penningen inge„ ook saameld sijnde, moeste dezelve in voldoening van de niou„ we petitie koomen, maar geensints gebragt werden teen faveure van hun voorjaarige debet, gelijk uijt alle de circuastantoen noet duijster quaam te blijken door de opper„ hoofden of een gantsch ongepermitteerde, en teffens ontrou„ wer wijse gepractiseerd teweesen; invoegen hoede saak be„ schoud werd, deselve eeren nadeelig en Condemnabel voor de opperhoofden sig overdoet, al het welk dan goedgevonden en ver„ staan is, de opperhoofden voortehouden onder betuijging van het uijtterste ongenoegen deeser Regeering, over haare infi„ delle behandeling in deesen, geensients passende, welgesoinde dienaaren, waar voor men haar aangesien had uijt hoof„ de vaonr de Continueele beloften, in de favorabele beschrijving die sij telkens van den staat der schulden gedaan, en tef„ fems hoofe gegeeven hebben, het Ciquiditeijt derselve, soo dat wer teboden en dirwegens sij daar over billijk verdiend hebben, om na menste ge„ corrigeerd te werden, dog het geen verstaan wierd aan dog besuijt sulbx aan haar Houp„ Haar Hoog Edelens gedefereerd te laaten, hoedanig Hoog tomeden do nen in sa san ne e deselve het gedrag der opperhoofden sullen gelieven of temee„ men, en intusschen met een paarigheijd van stemmen beslooten, de voorsz: vermeerderde schulden ter somma van ƒ 6212: 17:8: ten eersten door haar in Cassa te laaten tellen; sonder eenige de minste demonstratie dierweegens te doen, of eenige vertoogen tot dilaij als andersints in te„ verto brengen

NL-HaNA_1.04.02_3375_0105 view scan ↗

English

75. The 2nd of February 1773. The 2nd of February 1773 bring for whatever reasons; but on the contrary it should be expressly required that this amount be immediately reimbursed to the Honorable Company, and in response to the outgoing letter, this government should be notified of the execution of that order; as it was furthermore resolved to leave directly to the account and responsibility of the chiefs the aforementioned advance of 20,000 pieces of three-image pagodas made to the merchants under date of the 14th of October of the past year, according to what was communicated in the servants' letters of the 8th of November thereafter, not only because a part thereof, as noted hereinbefore, was employed toward the diminution of the prior year's debt, but also on account of the unacceptability of the reasons that the chiefs present for it, namely that, as stated in their aforementioned letters of the 8th of November, it had occurred on account of the ample delivery of textiles in the month of October, and through the large supply brought by the weavers, because it had been the proper season to best obtain textiles, as well as upon the assurance of the merchants that they would liquidate their debt by the end of February, since this could not have taken place by the end of August due to the misfortunes encountered; whereas not long before it was communicated by them that through the prohibition of the English chief at Madapollam, Mr. Salter, not to make and deliver any piece for anyone else whosoever before the demand of the English, which consisted of fully 1,600 packs, should be satisfied, the gathering of textiles had been brought completely to a standstill, because the weavers, having abandoned their looms, had departed from their places of residence, in which time also, or as long as the dispute concerning this lasted, which was not settled before the end of September or beginning of October, according to what was communicated by the servants in their letters of the 10th of October, no textiles could have been manufactured, so that this supply could not have been as abundant as the chiefs endeavor to make the Government believe, and wish to pass off as an acceptable reason for the approval of their action in the advance made as aforesaid on the 14th of October, and thus only 4 days after the communicated settlement of the said dispute between the weavers and the English chief; Furthermore, concerning the servants' negligence continued 77. The 2nd of February 1773. The 2nd of February 1773. having deliberated upon the negligence in the timely dispatching of the final accounts of the merchants, it is understood to condemn each of them for this to a fine of three months' wages for the benefit of the diaconate poor of this city, with orders to be dispatched to count the amount thereof into the treasury at once and to credit it here as a memorandum entry for payment to the administrators thereof, against which the chiefs were authorized to write off the expense accounts of the months of October and November past. After this, having resumed the letters from Jagannathapuram written hither since the 16th of October of the past year until the 9th of January last, the chiefs' conduct was touchingly approved, both regarding the dispatch of textiles to Batavia for the account of private individuals with the small vessel Mastenbroek, and the investigation that they caused to be made upon the declaration of the skipper of the return ship Alkemade that that vessel was fully laden, in order to learn to what extent that declaration is acceptable or not; but the report regarding this submitted by the appointed boatmen Pieter Matthijsz. and Fredrik Jurgens having been neglected to be sent hither, it is understood to hold the same before the chiefs, with orders that if such occurs again in the future, the proofs thereof, as well as of all matters of which a report is made, are to be sent along; Upon the requested order by the chiefs whether they may load the sappanwood that is already in stock thereby, and is still successively to be brought in by the supplier, as had occurred with a consignment since the dispatch with the sloop De Anthonia Dorothea, for stowage of the ship expected via Malacca, or hold it for the ordinary ships from Batavia, it is understood to order them to send hither successively by the sloops that cannot go to sea with full cargoes all that might remain left over after the stowage of the ship expected from Bengal via Malacca; and upon their submitted petition for timber for the construction of a washermen's shed at Gollepallem, and a ditto in the rampart passage of the lodge, it is resolved to accommodate them therewith as soon as one shall be provided with a sufficient quantity thereof from Batavia; While furthermore was approved the detention and sending hither of the 5 European sailors.

Dutch transcription

75. Den 2e. Febr: 1773. Den 2e. Febr: 1773 e oor wat redenen brengen; maar daar en teegen wel Exfresselijk begeerd soude werden, dat dat montant ten eersten aan d' E: Comp:e gerembourceerd, een in andwoord van de aftegaane brieff, dese siine e in umn zoor: er Regeering bedeeld zoude werden, de Executoe dier ordre; gelijk alwerder nog beslooten wierd, direct voor den opperhoofden reer„ quening en verandwoording te laaten, de voormelde on„ der dato 14:' 8ber: anno pass=o aan de Cooplieden gedaane verstrecking van 20'000 stux drie beeldige fagooden, na het bedeelde bij der bediendens letteren van den 8.' No„ vember daar aan, niet alleen om, dat een gedeelte daar voor, gelijk hier vooren genemarqueerde is, tot Dimunitie van de voorjaarige schuld is g'emploijeerd gewoorden, maar ook om de wille van de onaanneemelijkheijd der reedenen die de opperhoofden daar van koomen tegeeven, als dat na het ter weedergestelde bij haare voormelde letteren van den 8' november geschied was, om de ruijme leverantie van lijwaaten in de maande 8ber:, en door den grooten aanbreng door de weerens, dewijl het lovar teijde was geweest, om best aan lijwaaten te geraaken, mitsgaders off de verseekering der Cooslieden dot zij hunnen debel onder ultimo februarij tot Liquidatie zouden brengen, nadien sulx onder ult=o aug=o door de ontmoete onheijlen niet had konnen geschieden; daar het niet lang te vooren door haar bedeeld is geworden als dat door het verbod van het Engels opperhoofd te Ma„ duapalium M:r Salter om geen stuk voor andere wie het ook zij te maaken en te leeveeren, voor en al eer den Eijsch dier Engelschen die wel in 1600. packen bestond voldaan sou„ de weesen den insaam van lijwaaten ten eenemaal tot stilstand gebragt was gewoorden, door dien de weereens hun weefgetouwen verlaaten hebbende, sig uijt denselver woonplaatse begeeven hadden, in welke tijd dan ook of isoo lang het geschil dier„ weegens geduurde heeft, het welk niet voor het laaste van sop„ tember of begin van October bijgelegde was, volgens het bedeelde door de bediendeens bij haare lesteeren van den 10 ' October geen lijnaa„ ten hadden kunnen aangemaakt worden dus dies aanbreng soo abundant noet hadde kunnen weesen, als de opperhoorden wel tragten de Regeering wijs te maaken, en voor een aanneme„ lijke reeden tot goedkeuring van derselver gedoente, willen doen doorgaan, in de voorschreeven of den 14. ' October, en dus maar 4. daagen na de bedeelde assopiatie van het gemel„ de verschil tusschen de weewvers en het Engels opperhoofd, ge„ daane vooruijtverstrecking; Voorts over den bediendena nala„ tigheyd door vervolg 77. Den 2e. Febr: 1773. Den 2. Febr. 1773. krinding der afrek: had der wegens nat in bejent spapij astucleu slkepad verladen we. Versuijvende overzendinge van 't Rassort daar van Sjpantienlin mattao ken waatoe en van neer Comanieti e e e engeeagjtigheijd in het tijdig afsenden van de afreequeningen der Cooplieden gedelibereerd zijnde, is verstaan haar daar over te Condemneeren ider in een boete van Drie maanden gagie ten behoeve van de diacorij armen deeser steede met aftesendene last, om het bedraagen derselve, ten eersten in Cassa te tellen en per memorie dit heem ten goede te brengen, ter uijtheering aan de besorgers derselve, waar en teegen de opperhoofden gequa„ liofficeerde wierden afteboeken de Ontostreecqueningen van de maanden October en November passodo Aprobati me apenapteramd Hier na geresumeerde weesende de brieven van Sagger„ naijkspoeram 't zeedert den 16. ' October anna passado tot den 9. ' Ianuarij lestleeden dit heen geschreeven, wierd aanraakelijk geapprobeerd der opperhoofden behandeling soo omtrend de versending van lijnaaten naar batavia voor reer„ quening van de particulieren met het scheepje Mastenbroek van aen sue erderste ver ksijes oens het ondersoek, dat zij, of de verklaring van den schopper of het Rethourschap Alkemade, als dat dien boodem volladen nas, hebben laaten doen, ter eervaaring in hoe verien die verklaaring aanneemelijk zij, of noet, dog versuijmd sijnde het Rapport van de gecommitteerde bootslieden Pieter Matthijsz: om Fredrik Iurgens dierweegens overgegeeven, dit heen te sonden is verstaan de overhoofden bet zelve voor tehouden met hat diengen wae het fong last in het vervolg sulx weeder gebeurde, de bewijsen daar van, soo nol, als van alle saaken daar verslag van werd: gedaan meede te Sendem: Op de versogte oodr, door de operhoofden of dut Colletourhoudte Pae nperte alune an dat daar door reeds in voorraad legd, en door den leverancier nog successive slaat aangewoerd te werden, gelijk 't zeedert de versending met de Chialoup De Anthonia Dorothea met een Boskhoff geschoed nas, tot stuagie van het over Malacca verwagt werdend schip sullen moogen ingeeven of voor de Ordinaire schee„ sen van batavia aanhouden, is verstaan haar te ordonneeren, met successive ^ de Chialoupen, die met geene volle laadingen tot heen seevenen kunnen, herwaards te senden, al het geen na de be„ stuuring van het over malacca uijt Bengale verwagt wer„ dend schop mogte blijven overleggen; en of haare gedaane Pe„ belifte oersending van houtwer„ litie van houtwerken, tot de ofbouaring eener wasschens bosk„ huijs op Gollepalem, en een dito in de walgang der Logie, is beslooten haar daarmeede te gerieven, soo dra men met een genoegsaame quantiteijt derselve van Batavia voorsien soude werden, Terwijl voorts geapprobeerde wierd, de aan„ oprbokenen dvanhendig on houding en oversending dit heem, van de 5. Europeese mat„ Soanden 1glen

NL-HaNA_1.04.02_3375_0107 view scan ↗

English

79 The 2nd of February 1773. The 2nd of February 1773. Item and concerning a deserter, an anchor cable from the [illegible], at the same time received the Jagernaik hand-artisans who left the private vessel Vreedenburg and arrived at that factory, as well as the arrival of a deserter by the name of Jacob Leslee; just as the supply made to the chaloup Poeijoer of an anchor cable instead of the broken one was considered well done; likewise the approval of this Government was conveyed regarding the conclusion of the contracts with the merchants there for the requirements for the Fatherland and India, and for this year at the recently paid prices, except for the checked Indian variety of Roemaals, which were contracted with augmentations according to the renewed authorization from Their High Mightinesses, the Noble High Indian Government, by their dispatch of the 12th of May of the past year. But since the servants neglected to make this known therewith by a clear description showing on whose order the same was granted, with citation of the date of the authorization and the difference between the previously paid and now granted price, both in money and per cent, so that all the same remaining with the writings could be seen at a glance, where one would otherwise, if needed, be obliged to search for it with trouble and loss of time: it was resolved to write this to the chiefs for their information and observation in the future. It also appeared pleasing to the Government that upon closing the accounts with the merchants regarding the concluded collection, their debts had decreased by an amount of ƒ 1927:1:–, although upon examination it was noted that the real increase in the recently closed fiscal year did not amount to more than ƒ 13296:6:– if one deducted from it the amount of ƒ 28630:15:– by which the arrears of the previous year had increased, regarding which it was resolved to point out to the chiefs that the amount cleared by the Jaggernaijkspoeram traders, who were the largest debtors, was very small, having amounted to no more than a meager amount of ƒ 2652:6:–, which, on the considerable supply of ƒ 100093:3:8 made to them, did not even constitute 1½ per cent. However, since it was not doubted that the chiefs would not have forgotten their duty and obligation to further the interest of the Honorable Company, and thus their own well-being, in causing the debts to be diminished more and more 81. The 2nd of February 1773. The 2nd of February 1773. in the future, and to bring the same to liquidity as soon as possible, it was decided to be satisfied with this for the present, and furthermore to await the further reduction through their vigilance. But with regard to the notification by the chiefs that those traders intended to submit applications to obtain an equal premium or the compensation that is advanced to them for the collection, as the Palicol merchants were accustomed to receive, it was resolved to write to the chiefs that this being an innovation, it could therefore never be granted, and that those traders would do well to refrain from that request; just as it was also decided, regarding the sample of fine cotton yarn sent from there as well as from Palliacatta, to suspend the approval of this Government until the same has been examined here, and furthermore to await from Jaggernaijkpoeram the outcome of the information being gathered by the servants concerning the prices paid by the English and others for the fine cotton yarn. Pursuant to the established order of this Government to send a rupee here as an assay sample from every batch of silver minted there into rupees, in order to be assayed here and preserved in the main treasury; likewise all mintings occurring here, sent over by the chiefs alongside their letter of the 30th of November of the past year, were assayed by the assayer according to the report submitted thereof, and were found to contain only 11 penningen and 10½ grains instead of 11 penningen and 12 7/32 grains, thus 2 5/80 grains less than it should be; it was therefore approved and resolved to demand sufficient reasons for this. And regarding the question asked by the servants concerning the amount of ƒ 65:13:– specified in a memorandum of that factory for compensation on account of the calculated premium for the Honorable Examiner over some entries marked as errors at Batavia in the trade books of this Government for the fiscal year 1767/8, concerning the copper and sugar written off at Jaggernaijkpoeram, it was resolved to write to the chiefs that although those entries are not errors, it had nevertheless been approved to pay out the 1/6th part calculated thereon for the premium, because the same was approved by the Indian headquarters.

Dutch transcription

79 Den 2. Febr 1773 Den 2' Febr: 1773. Jtem en ner overkboper een andertouw vande Doeigde Ja vgende oagt, prijig hegt teselen tijde Costnetei de Jaagernask: handesan „ticaosen die van het facticuliere vaarthuijg Vreeden burg afgegaan, em te dier factoorij aangekoomen sijn, als meede van king van eenen overloopper in naame Iacob Leslee, soo als voor wel gedaan wierde gehouden de gedaane verstrecking aan de Chia„ loup Poeijoer van een ankertouw, insteede van het gebro„ mitsader m desuijting e Cotesters ene; gelijk in sel vervoegen de goed keure deeser Regeering quaam wregbedraagen de sluijting den Comtracten met de Coop„ lieden aldaar van het g'eijschte voor het Patria en In„ dia, en deesen Iaare voor de Jongst betaalde prijsen vrsp dewmas quijt snda Cchaleen de Roemaals Geruijte Indiose zoort, die inge„ hodang denergtentatien sijn volge de gerenereerde qualificatie van Haar Hoog Ede„ lems de Edele Hooge Indiase Regeering bij hoogst: door g selver missive van den 12. ' meij Anno pass=o gecontrac„ Versuijming en sulx uijdelijk boteerde is, dog door de bediandeens versuijmde sijnde, sulx met een duijdelijke omschrijving daar bij bekend te stellen, ter aanthooning of wiens ordre deselve ingewilligt is, met aanhaaling van den datum van de qualificatie een het ver„ schiol tusschen de voorige betaalde en nu ingewilligde prijs soo in gelde als veer Comtos off dat alle het selve bij doe ge„ schriften blijfende, sulx met den ovslag van het oog ge„ sien konde werden, daar men anders des benodigt, verplogt soude moeten weesen, met moeijte en tijd verlet op les peuren: soo is verstaan sulx de opperhoofden tot derselver narigt en obson, se dan aan z: amgpen vor 't van tee in het vervolg aan de schrijven. Ook is de Regeering aangenaaam te vooren gekroomen, dat bij Sanqenamheid over de ormris„ het sluijten der afreecquemingen met de Cooplieden, weegens den af„ geloopen insaam gehouden, derselver schulden met een montant van ƒ 1927:1:–- venarindeerde waaren geworden, hoewel teffens dog emarque dirwegens bij ondersoek in remarque quam, dat de Reële vermeerdering in het Jongst afgelegde boekjaar niet meer importeerde daor maar ƒ 13296: 6: als men daar van detrakeerde het montant van ƒ28630:15:—: waarmeede de agterstallen van het voorige Iaar vermeerdeerde zijn gewordeen, en waarneerens verstaan werde geinghuid vng hel apglig door de opperhoofden voor te houden, dat het afgelegde door de Jag„ gernaijkspoeramse handelaars die de grootste debiteuren waaren, seer Cobeir was, als niet meer bedraagen hebbende daor een geering montant van ƒ 2652: 6:—: het geen op de Con„ siderable aan hun gedaane verstrecking van ƒ100093:3:8: nog geen 1½ veer Cento uijtmaakte dog dewijl men niet twijf felde, of de opperhoorden souden hun plogt en Verbintenvisse niet vergeeten hebben, om het interest van D' E: Comp=e en alsoo hun wel sijn meede te bekragten, in het meer een worde schenden. soude. meer. vervolg 81. Den 2e. Febr: 1773. Den 2 ' febr 1773 voorarst en wa over verder verwagt. tedoen instantie om op geld op de gong: aan tez: aes fingaren goding van ƒ65. 13. antesz: diesf berijding. voordamn ven Ja meer doen diminueeren van de schulden, en deselve soo spoedig genomen gemnoen dari mogelijk tot Eiquiditeijt te brengen, soo besloot men daar in voor eerst genoegen te neemen, en voorts van derselver over een Vigilaantie de verdere veramindeering afteeragten, dog ten ovr„ sigte van het bedeelde door de opperhoofden, dat die handelaars het voorneemen hadden oam sollicitaties aanbeleggen ter eer„ laanging van een gelijk overgeld of de vergooden, die haar tot den Insaam werden vooruijtverstreckt als de palicolse Cooplieden wat verstan is nobend Coshi naamen te gemoeten, is verstaan de opperhoofden aan de schrij„ E E ven, dat zulx een nieuwigheijd zijnde, dierhalven noets zoude konnen werden ingewilligd, oversulx die hande„ laars we doen souden met dat versoek, maar agter uijtgsede dispositie wopensweege te blijven; soo als ook beslooten is, ten belange van het, van daar soo wel als van Palliacatta over gesondene monster fijne Cattoene gaaven het goedvinden deeser Regeering te suppercedeeren tot dat men deselve ommgesoe vn dengesen en oe al ier g'examineerde soude hebben, en voorts van sag„ gernaijkpoeram aftewagten den uijtslag van der bedoen„ deens genoomen werdende Informatie omterende de Prij„ sen die door de Engelsen en andere voor het fijne Cattoe„ ne gaaren werden betaald. — Ingevolge de gestelde Ordre deeser Regeering om van ader Godrvorendin oor saamng Parthij zilver dat ganter tot Ropsijen werd vermunt, een Ro„ bij tot een proefje det heen te senden, ten Eijnde alhoer g'Assaijeerd sijnde in de groote Cas bewaarde te werden; gelijk ook alle vermun„ tingen alhier geschioed, door de opperhoofden neevens haare lesteren van den 30:' november anno verleeden overgesonden, door den Es„ Essaijarng dezelve alhier in saijeur ingevolge daar van ingekoomen Rapport g'essaijeerd, en bevonden weesende, maar on te houden 11. penningen en 10½. grijn, in steede van 11. peenningen en 12 7/32. grijn, Orer sul d , 2 5/80. prijn minder dan weesen moet; soo os goedgevonden en k vonderen redenen durwegens. verstaan, daar van voldoende reedenen aftevorderen, en nooppens der bediendens gedaane vrage, omtrend het bij een mimorie doe factorij ter vergoeding ovfgegeevene montant van ƒ 65: 13: —: wee„ gens de bewreekende premie voor den E: Visitateur over eenige te Batavia bij de negotie boeken deeses gouvernements van het boek Jaar 176 7/8. als Eorvreuren aangemerkte posten betref„ fende het te saggernaijksoeram afgeschreevene kooppen en suijker, is verstaan de opperhoofden aanteschrijven dat mtanten is nopen de Eer„ schoon die vosten geen Erreuren sijn, men egter goedgevon„ den had, het daar op bereekende 1/6. gedeelte voor de premie te doen uijtkheeven, om dat het selve van de Indriese hoofd„ Ingevolge plaatse.

NL-HaNA_1.04.02_3375_0109 view scan ↗

English

83. The 2nd February 1773. The 2nd February 1773. Carpentry and gifts account of Intermediate account to have counted into the treasury of August and September. timber and for repair place by invoice of the 16th May 1772 this government has been charged, as the Honorable Visitor General mentioned there has retired, so that the said amount should still be paid by the second Johannes Dumon, who held the administration of the trade books and papers pertaining thereto. Approval of the write-off of the Hereafter were resumed the memorandum of the carpentry work and gifts made there in the last six months of the concluded financial year, and it was resolved to approve the same for write-off, with the recommendation nevertheless that care should be taken to attend to economy more and more, and furthermore to avoid as much as possible the expenditures made in cash, and on the contrary to continue in the distribution of green instead of red cloths, in order thereby to diminish the large remainder of the first-mentioned, with the further remark to be made that, although the timbering in the recent last six months amounted to a sum of f 45: 17: 8 less than in the same six months of the previous financial year, it nevertheless still seemed to run quite high or conspicuous to the eye, with the recommendation therefore that every effort should be made and sought to reduce the burdens; just as the government had found very improper the timber charged for the repair of the boats, especially since it could not be traced for what purpose that timber had served; wherefore one was in expectation that that repair, as well as the expenses for the repair of the pier, would cease in the future; but against which, upon further resumption of the expense accounts of the months of August and September, it was resolved to have reimbursed into the treasury the excess charged of two reals board money, 2 pagodas for house rent, and 8 lb lamp oil, on account of what was provided by the servants to Sergeant Somith, since he, due to the death of Lieutenant Thomas Porget, had held command over the militia for a time, just as in the same manner were marked as excessive the charged repairs to the thonijs De Orange Spruijt and De Jonge Pieter, 85. The 2nd February 1773. The 2nd February 1773. Continuation especially what was paid in cash for gingelly oil, and the costs of tar to an amount of pagodas 19: 10: 1/2, as well as the timber and equipment goods provided on behalf of the coolies, because in proportion to those charges, those vessels were very poorly provisioned and repaired, the more so as one was informed that the thonij De Jonge Pieter, which one had intended to send here with a single caulking, had almost fallen into pieces, so that an extraordinary overhaul had now to be done to it; whereas already in the month of August last a sum of f 1591: 16: 8 had been charged on account of the expenses for the repair of both those thonijs, which served as a striking proof that that charging was done before the timbering took place, and thus very little or nothing was expended upon those coolies of what was determined for them by the memorandum of economy, on which account it is at the same time understood to notify the chiefs that one desired that nothing more shall be brought into account to the Honorable Company for that, or for the repair now undertaken of the said thonij De Jonge Pieter, than has already been done in the expense account of the end of August. It is also understood to have counted into the treasury the double board money provided to the mate Jan Hansz from November to January, and 18 jugs of arrack for rations, amounting together to pagodas 7: 19: 16; since he, having brought the ship Alkemade there, had ceased the service of pilot, for which he was placed on that vessel on the voyage from here to Jaggernaikpoeram, and thus could very easily have come along with one of the sloops that returned here in October of the past year; so that his longer stay there until the month of January last had the transaction of his private affairs as its objective, and it was therefore very unjust that the Honorable Company should have to bear the burden of it. With respect to the timbering of the sloop Poeijoer wintering there, several items also, such as the purchase of coir, gingelly oil, bastam, to the caulkers, etc., appeared very high to the government, on which account it was resolved to reduce that timbering, or the amount charged for it, by f 200, which amount was at the same time understood to be reimbursed to the Honorable Company, under notification August continuation

Dutch transcription

83. Den 2e. febr 1773. Den 2'. Febr 1773. tinmerage en schen kagis nakn van intematig: f: reekening in Casp elaten tellen van aug: en September. houtwerk en tot reparatie plaatse bij factuur van den 16. ' meij 172. dit gouvernement van laste gebragt is, als aldaar aangedagte E: visitateur Generaal uijtgekteerd zijnde, oversulx het gemeld bedraagen als nog door den secunde Iohannes Dumon, die de behandeling van de negotie boe„ ken en daar toe bebwreckelijke pappieren hadden, soude moeten werden betaald. —. passuring ter afsz: van de Hier na wierden geresumeert de memorie van de in de laas„ te sesmaanden van het afgelegde boekjaar aldaar Ge„ dane timmeragien en schenkagien en beslooten deselve ter in met welk ecommamatie afboekking te passeeren, onder Recommandatie nogthans, dat soorge gedraagen soude moeten werden, om de mena„ gie meer en meer te behartigen, en voorts zoo veel mo„ gelijk te vermijden, de spendatien die in Containt weer„ den gedaan, en daar en teegen gecontinueerd moeste wer„ den, in het verschenken van groen, in steede van Rood„ zaken, ten eijnde daar door het groot Restant van remarque wegensde inmengi het eerst gemelde te verminderen, onder verdere te doe„ ne remarque, dat schoon het vertimmerde in de Jongs„ te laaste ses maanden een sommetse van ƒ 45: 17:8: minder bedroeg, als ingelijke ses maanden van het voorige boekJaar, nogthaans het selvve nog al hoog of stok in het oog quam te looppen met recommandatie dier g halven, dat alles aangewend en betragt soude moeten werden, om de lasten te verminderen; soo als de Re„ oneijgendtheid van de opgebngten geering seer oneijge te vooren gekoomen was, de ofge„ van de vrsthuijs. bragte houtwerken tot de Reparatie van de battooijen verbruijkt, insonderheijd dat niet nagegaan konde weer„ den, tot wat eijnde die houtwerken gediend hadden; Over„ sulx men in verwragting was, dat die verhelping soo wel als het bekostigde tot de Reparatie van het hoofd in den aanstaande Cosseeren soude; dog waar en teegen Rusumptie van de ontastrat= bij verdere Resumptie van de Onkostreecqueningen van de maanden augustus en soptember geresolveerde wierd wat bezlooten is, daarvan wedder in Cassa te laaten Rembourseeren, de te veel overgebrag„ te Twee Reaalen kostgeld 2. pagooden voor de huijs„ huur, en 8. lb: Lampolij, weegens het verstreckte, door de bediendens aan den sergeant Somith uijt hoorde„ den selven, mits het overlijden van den luijtenant, Thomas Porget voor een teijd het Commando over de militie geroerd hadde, gelijk inselver roegen voor te Excessieff wierden aangemarkt de ofergebragte Repara„ tien aan de Thooijs De Orange Spruijt, en De Jonge 10 Pieter 85. Den 2e:. Febr: 1773. Den 2e. Febr: 173. Vervolg 720. t eo um de z rijdern met Poeter in sanderheijd het verstreckte pen Cassa voor sin„ gelij olij, en het koosten van alketran tot een montant van pag: 19: 10: /a, soo meede de ten behoeve doer koeltjes verstreckte houtwerken en Equifagie goederren, dewijl na mate van die opbrengingen, die vaarthuijgen seer slegt voorsien en gerepareerd naaren, te meer men be„ rigt was, dat de Thonij De Ionge Pieter, die men van voorneemens nas geweest, met een Calfaat slag tot heen te senden, deselve bij na in duijgen gevallen was, ower„ sulx als nu daar aan een extraordinaire verlommering gedaan moeste werden; daar reeds in de maande augustus Iongstleeden een somma van ƒ 1591: 16:8: weegens het bestostigde tot de verhel„ ping van die beijde Thooijs ofgebragt was het geen tot een door slaan„ de blijk verstreckte, dat die opebrenging eender gedaan, dan de ver„ timanearing geschiede is, en dus seer weijnig, of moets naa die koelt„ Jos ten koste gelegd wierden, van het bepaalde daar voor bij de me„ morie van menage, welkendweegen dan teffens verstaan is de opperhoofden aan te kundigen, dat men begeerde, moets meer daar voor, off voor de nu onderhanden genomene verhelping van ge„ dagte thonij De Ionge Pieter de E: Comp=e in Rreecquening ge„ bragt zal werden, dan bij de onkostereecquening van ultimo augustus reeds gedaan is. — Ook is verstaan in cassa te laaten tellen het verstreckt dub„ beld kostgeld aan den stuurman Ian Hansz: van novembeer tot Ianuarij, en 18. kannen arrak tot Randsoen te saamen importeerende pag: 7: 19. 16:; alsoo hij het schip: alkemade aldaar gebragt hebbende, den dienst van loots, waar voor hij off dien bodam, in de reijse van hier naar saggernaijk poeram ge„ plaatst was, was koomen ofptehouden, dus met een der Chialou„ ppen, die in October: anno passado dit heen te ruggesteerde zijn, seer facoel hadde konnen meede koomen; invoegen sijn langer ver„ blijff aldaar tot in de maand Ianuarij J=o leeden, de verrig„ ting zijner particuliere affaire tot oogmerk gehade hadde, en daaromme seer onbillijk was dat de E: Comp=e er de last vann soude moeten dragen. Ten ofsigte van de vertimmering van de aldaar overwintende straet de mngeden omn de Eer„ hebbende Chialoup Poeijoer, quaamen ook verscheijde posten, als daar sijn, het inkoopen van Caijer, singelij olij, bastam, aan de calfatens &:a, de Regeering seer hoog te voorem, meshalven be„ slooten wieerde die vertommeering, off het ofgebragte daar voor met ƒ 200. te verminderen, welke montant teffens verstaan wierd, aan d' E: Comp=e te laaten vambouorseeren, onder beluij„ Aug=s ging vervolg

NL-HaNA_1.04.02_3375_0111 view scan ↗

English

87. The 2nd of February 1773. The 2nd of February 1773. expression of the displeasure of this Government over the expensive purchase of 3500 parras of nelij for pag: 51 1/12 or f 296:17:8, with a prohibition henceforth not to proceed to such a purchase without the special authorization of this Government, as it could be provided much better from here than the aforesaid purchase was made there, with the order to be sent to demand the required nelij from here in the future. Since the chiefs have once again omitted to send the customary annual demand in duplicate, namely a provisional one in the month of June and a formal one at the end of August, of all such merchandise and necessities as might be required in a full year both for trade and for the household, notwithstanding that this has been recommended several times, both circularly and separately, since through the absence of the latter, namely the formal demand, one was rendered unable to require from Batavia in the general formal demand being drawn up here that which was needed for that factory, because since the receipt of their provisional demand many merchandises etc. were dispatched from them thither, causing that demand to lapse; it was therefore decided to express the displeasure of this Government over that negligence, with a serious order to observe promptly in the future the order given in this regard on pain of three months' wages; furthermore, the gunner Bastiaan van Duijn stationed there was increased in wages from f 14 to f 16, because according to the Regulation he may not earn any higher wages, wherefore his petition made to be allowed to obtain f 18 was denied. Upon what was written by the chiefs of Bimlipatnam in their letters of the 1st and 15th of October, as well as the 16th of November and the 21st of December of the past year, it was resolved to write to them for their information that the chief Pfeiffer as well as the former seconds, Visscher and Fruter, would each for their share be credited in the books of this principal place for the portions allotted to them in the distribution of the douceur, until both and while the debts of the merchants there shall have been finally liquidated; with an expression of the provisional 89 The 2nd of February 1773. The 2nd of February 1773. satisfaction of this Government that upon the dispatch of the answered demands not only the respective demands for the year 1772 were completely fulfilled, but also, in reduction of the new demands for 1773, already a number of 34 packages of diverse linens were in readiness, wherefore the Government did not doubt that if the servants continued in their zeal, and the merchants also performed their duty, the demands would annually be completely fulfilled, with the recommendation that they must endeavor to maintain it on that good footing to which it was now brought, as well as take care that the quality thereof be not diminished, but improved more and more, just as the servants would also be recommended most emphatically to cause the sale of trade goods, which there went at a snail's pace, to be enhanced by all mercantile means for the alleviation of the heavy burdens which the Honorable Company has to bear on that factory; while in the meantime it was perceived with the utmost contentment the reduction of the debts of the merchants in the past trade year to an amount of f 27015:10:-, and the expectation that the chiefs will continue with their diligence and care in that regard so that the remaining debit may also be settled as quickly as possible; with instructions to observe, with regard to the debt of the deceased former chief of that factory Pieter Abrahamsz: Bronsveld to the merchants, that which their High Mightinesses the Noble High Indies Government have been pleased to order in that regard, in order to take away from those traders all hope of restitution of the same by the Honorable Company. Furthermore was approved the contracting made with the merchants of what was demanded for Europe and India for the year 1773 against the latest paid proofs, with instructions that one would await the contracts thereof at the earliest, and the complete fulfillment thereof in sound goods. As was also approved by this Government the setting of the alum at pag: 7:16:7/8 with 4 per cent agio or f 34:12:5 1/2 the bahar of 480 lb, thus yielding an advance of 44 1/8 per cent, but the received report thereof as well as the incurred charges

Dutch transcription

87. Den 2e. Febr: 1773. Den 2. Febr: 1773. ongenogen over de duuren Tnkoop van nelij d vebord war t vervol Eysschen. beld afzenden van de gewoone Jaar„ blijden bij set „ tp:s opperh. Peiffer en de geweunseundes Visscher en Fanter voor haar aandeel Canhoner welke poene ging van het ongenoegen deeser Regeering over den duuren inhoop van 3500. parras melij voor pag: 51 1/12: of ƒ 296: 17:8: met verbod om voortaan tot diergelijken inhoop niet te treeden onder speciaale qualificatie deeser Regeering alsoo van hier beeter hoof besorge konde werden, dan de en last deschve van hun te voorsz: inhoop ginter geschied is, met aftesendene last in het vervolg de benodigende nelij van hier te Eijs„ schen. —. ongemogen over ht mit dub„ door de opperhoofden alweeder geommitteerd zijnde, om den gewoone Iaarlijxen Eijsch dubbeld te senden, als een provisioneele in de maand Iunij, en een formeele onder ul„ timo augustus van alle sodanige Coopmanschappen en be„ nodigtheeden als in een Rond Jaar soo tot den verthoer als in de huijshouding quamen te benodigen, niet teegenstaande, sulx diverse maalen, soo Circulair, als afsonderlijk aanbe„ voolen is geworden, nadien men door de ontstentenos van de laastgemelde, te weeten den formeelen Eijsch in het on„ vermoogen gesteld is geworden om bij de alhier gefor„ meerde werdende generaale formeelen Eijsch van Batavia te requireeren het geene voor die factorij benodigt is ge„ weest, door dien 't seedert den ontfangst van haaren Provisioneeleen Eijsch veele Coopmanschafpen Etc:a van haer naar derwaards afgestooken sijnde, dien Eijsch is koomen te vervallen: soo is verstaan over die onagtsaamheijd het onge„ sineuse last dirwegens en op „noegen deeser Regeering te betuijgen, met serieuse last, de ordre dienweegens gegeeven in het vervolg of peene van drie maanden gagie prompt te observeeren; werdende voorts verhoging in gagie van een den aldaar bescheijdene Cannonier Bastiaan van Duijn in gagie verhoogd van ƒ 14. tot ƒ 16. dewijl vol„ gens het Reglement geen hooger gagie winnen mag, oversulx desselvs gedaane instantie om ƒ 18. te moo„ gen erlangen van de hand wierd geweesen. — Op het geschreevene door de opperhoofden van Bimolopat, te doens Ceekering en het ginin„ nam bij derselver letteren van den 1. ' en 15. ' October, met oi te duur gaders 16. ' november en 21. ' december J=o leeden wierd be„ slooten haar tot derselver naarigt aanteschrijven dat het opperhoofd Pfeisser soo wel, als de geweese secundens, Visscher en Fruter ider voor hun aandeel bij de boeken deeser hoofdplaatse gecrediteerd soude werden voor de hun in de Repartatie van het Douceur te beurt ge„ vallene fortien, bot beijde en wijle de schulden den Cooflied, en tot halang den aldaar fionaal geliquideerd soude mreeson,; onder beluig goueenoon eranig de provisooneel ging. 89 Den 2e. Febr: 1773 Den 2'. Febr: 1773. war nen daaren vrwagt. etolder tedragen. thier der schulden alluijn in Casa tedoen ellen en naarm van het geesschte vode gedave aan besteeling veld m agt e nemen „ging van het genorgeen deser Regering over dat o het afsendeen van de beandwoorde Eijsschen noet alleen de Respective betitoer oordas sobodinauwe ditos 34 pacit vo0r anno 1772. Compleet voldaan, maar ook in mindering van de nieuwe Eijsschen voor 1773. reeds een aantal van 34. backten dirense lijwaaten in gereedheijd waaren, melkand weegen de Regeering niet twijffelde, dat wanneer de bediendens bij dersel„ ver iever bleeven continueeren, en de Coopliezen meede hun pligt betragteden, of de Eijsschen souden Jaarlijks Com„ dcCommandati onhet op dien wet bleet voldaan weerden, met recommandatie dat of dien goeden voet, waar het nu overgebragt was, moesten trag„ enn vor edinge de deeken oesoen te behouden als meede sorge dragen dat de deugd der„ selve niet niet verminderd, maar meer en meer verbe„ von de sphuijking van dun ven teerde weerde, soo als de bediendens almeede of het nabruk„ kelijkste gerecommandeerd soude werden, om den ver„ thier van handelanhaaren die aldaar den koeestengang gong, door alle mercantele moddelen te doen opluijsteen ter gemord Roomang der swaare lasten die d' E: Commp=e genoegen over dermindeing of die factoorij te draagen heeft; Terwijl intusschen met het uijtterste contentement wierd bespeurd, de vermindeering der schulden van de Cooploeden in het, afd gelogde handeljaar tot een montant van ƒ 27015: 10:—: en vermagting dat de operhoofden bij haaren ijna en sorg met oer ige e e dragendheijd daaromterend sullen blijven voortwaaren ten eijnde het Restant debet meede soo spoedig mogelijk te vereeenen. met aanschrijvens den reguarde van vntrepens te sthud van Ggras„ de schuld van het overleedene geweese opperhoofd dier factorij Pieter Abrahamsz: Bromsveld aan de Cooff„ lieden in agt te neemen, het geen haar hoog Edelens de Edele hooge Indiase Regeering daaromtrend hebben gelieven te beveelen in die handelaars alle hoof van Res„ titutie derselve, door d' E: Comp=e te beneemen Wijders wierde goedgekeurd, de gedane aan bestieding aan de cooplieden van het g'eijschte voor Europa en India, en den Jaare 173. teegens de Jongste betaalde bewijsen, met te dan ans: derwagns: aanschrijvens dat meen de Contracteen daar van ten Eors„ tien soude blijven tegemoede siaar, en de Compleete voldoe„ ning derselvve in deugdsaam goed. oo Gelijk alwverder van de goodheuwre deeser Regeering miende Arorimnderns op der bevonden de van de hansetting van de alluijn teegens pag: 7: 16: 7/8n. met 4. per Conto ofgelde of ƒ 34. 12: 5: ½. de bhaar van 480. lb: , geevende alsoo een advans van 44. 1/8. ten hoor„ deerd, dog het gevallene ondervrigt daar off soo mel, als de togane edan gevaluen ede ongeldeen

NL-HaNA_1.04.02_3375_0113 view scan ↗

English

91. The 2nd of February 1773. The 2nd of February 1773 [illegible] for the rigging [illegible] for the building of a new ditto [illegible] [illegible] Note that the Honorable Company without cost [illegible] charges of its unloading and disembarkation caused by the transshipment and return shipment of the same, it is resolved to have the chiefs still pay into the treasury, as being the cause of the same, on account of its overly precipitate dispatch; just as it was also persisted in the decision regarding the payment of the deducted three pagodas for the rigging of the cordage of the flagpole and the caulking of [illegible] of the topmast, etc., but on the other hand, for this time, to relieve them of the imposed reimbursement of 4 pagodas 4 fanams 3/4 cash for 48 lbs of lamp oil, and 2 pagodas for firewood, as well as of the deducted rent paid for the hospital, with authorization to retain the same for the time being until further orders of this Government, and consequently declining the servants' proposal to rent a new hospital in the fort, and furthermore the provision of 152 lbs of lamp oil per month was deemed sufficient, until a further determination should be made by the Government concerning this as well as regarding all other excessively high or running provisions, and likewise to allow the guard posts at the boundary lines to be maintained until further disposition, with the recommendation nevertheless to take care that the repairs carried out on them be done in the most economical manner, and a further declaration that this Government could well agree that the expenses for the entertainment of this or that Regent, especially the princes and their Dewan, should remain for the account of or at the expense of the Honorable Company, provided the same were done by the chiefs with frugality, but by no means if an abuse were made of such concessions, and the visits and appearances of natives occurred for private matters and self-interest; just as the chiefs would still be authorized to write off the expense accounts of the months of August, September, and October, although in the first many entries were found upon which there would be quite something to remark, yet it was decided to let it pass unnoticed for this time; but most seriously to order the chiefs to beware carefully of all kinds of invented entries if they do not wish to be subjected to a reimbursement of the same; who are furthermore authorized to write off the memoranda of the subsidies and gifts given in the last six months of the concluded trading year, in so far as the entries that were not considered excessive, with the declaration that although those accounts now amounted to less than before, they nevertheless

Dutch transcription

91. Den 2'. Febr 1773. Den 2' Febr: 1773 seungen a ang vor hit schiaan woo het bouwen van een nieuw dito n speldeics tijtigen e ale omai schant: en tinnen gedees: Aosteekeninge dot k E: Comp:s age sch weld zonden ver koste ongelden van dies af- en ontscheefing door de gedaane over om weeder sending derselve, is verstaan door de opperhoofden als nog in Cassa te laaten tellen, als oorsaak derselve pansisein bij nt belijk ij zijnde, weegens dies te precopitainte versending; soo als ook gepersosteerd wierd, bij het besluijt ten uijtkeering van de ofgebragte droe pagooden tot het schiemannen van de touwerken van de vlaggestok en Calfaaten van Jares van paen tegen van de steng &:a, dog daar en teegen voor ditmaal haar te re„ leveeren de opgelegde vergoeding van pag: 4: 4: ¾. voor 48. lb: lamp„ sode de oglemipt hun woord olij, en 2 pag: voor bostlond, gelijk ook van de ofgebragte huur qualifigti tot dis anhouding voor het hospitaal betaald, met qualificotie het zelve voor van de handewesen verboscke tot eerst tot nader ordre deeser Regeering aantehouden, en mits dien van de hande geweesen der bediendens Proposotie tot het aan„ t aen we de Campolij haend ouren eener nieuwe hospitaal in het fort, en voorts de ver„ strecking van 152. lb: lampolij smaands voldoende geoordeeld, tot dat door de Regeering daarom terend soo wel, als omtrent alle andere te hoog of stok loppende verstreckingen een nade„ quedifictiten anouing ende e oe bopaling gemaakt soude weesen, mitsgaders ook tot na„ der dispositie derselve te laaten aanhouden, de wagtplaatsen of de limielscheijdingen, met Recommandatie nogthans sorge te draagen dat de daar aan gedaan weerdende Refparatoen of het menagieuste geschiedede, en wijdere betuijging dot deese Be, in was geval de uytgevens tod te„ geving wel inschilk daan komde, dat de uijtgaarens dot de froije ment van deese off geene Regenten, voornamentlijk de princen en hunnen Duam voor reecqueming of ten laste van D' E: Comp=e bleeren, in gewalle deselve door de operhoofden met suijnigheyjde dog in wat Cas. niet gedaan wierde, dog geensiants, manineer van doorgelijkke inwilligin„ gen, een mosbruijk, wierde gemaakt, en de Visibes en verscheij„ margean van Imlandse, om partoculiere saaken en eijge belang geschiedede; gelijk de opperhoofden nog gequalificeerde soude werden qualifuiati te afoeking van 3 ual tot de afboeking van de Omkostwee queningen van de maanden augustus, Soptember, en October, alschoon bij de Eerste veele fosten wirden gevonden, waar op al viat te remacqueeren met nat umangeue soude vallen, dog beslooten wierd voor deese Rijse onge„ merkt te passeeren; Dog de opperhoofden op het serieuste te in last. gelasten, sig voor aller hande geinventeerde posten soogruldig te magten ingevalle voor een vergoeding derselve niet ondermorsen willen sijn die alverder, gequalificeerde overden afteboeken de memorien der in Conmissike afshijving van de de laaste ses maanden van het afgelegde handelsaar gedaane sio„ meragien en schenkagien voor soo verre de posten, die als te Exces„ sif net in het oog gevallen waaren onderbeluiging aot schoen onder elk behuijng doe RReecqueningen nu minder bedroegen; dan bewoorens, deselve egter

NL-HaNA_1.04.02_3375_0114 view scan ↗

English

93. The 2nd of February 1773. The 2nd of February 1773. The expenses for broadcloth nevertheless ran high, wherefore the chiefs should be ordered to count back into the treasury the purchased red broadcloth to the quantity of six ells, and in contrast to write off in its place 4 ells of green and 2 ells of blue broadcloth, with a written notice that it was explicitly desired that nothing should be purchased without the special authorization of this Government, especially when there were still remaining stocks on hand with which the defective or missing items could be supplemented, and it was their duty to first provide and consume the remaining stocks on hand before proceeding to any purchase, and that such should not occur except in the case of a substantial shortage and necessity, which could also be avoided if the chiefs were only so attentive as to submit their requirements in a timely manner; just as it would also have to be their duty that the giving of presents to burdensome petitioners should henceforth occur as little as possible or be omitted entirely, if they did not wish to be compelled to reimburse the same out of their own pocket; with a further expression of the rightful displeasure of this Government over various excessive expenditures charged to the Carpentry accounts, as well as over the purchase of 1 Ambon beam for three pagodas, as also of 48 lb of steel, which latter was understood to be counted back into the treasury. Having appeared from the transmitted Treasury Account that the major part of the lease monies from anno passado have only now come in and been collected, and thus those of this year will have remained unpaid; it has been approved and resolved to leave the same for the account of the chief Pfeiffer, to be paid into the treasury and accounted for by him, on the grounds that he took the matters of the lease solely upon himself and directed them alongside his servant; furthermore, the drummer stationed there, Jacob De Croes, is increased in wage to f 11 per month, and on the other hand, the request of the sergeant Jacobus Meijboom to be allowed to come hither was rejected. After which were summarized the memoranda of the short weights discovered and occurred both at that factory and at the Office of Jaggernaikpoeram in the last six months of the most recently concluded trading year at the packhouses, etc., and disposed thereof in such manner as noted in the margin of the short extracts inserted below.

Dutch transcription

93. Den 2'. Febr: 1773 Den 2'. Febr: 1773. voor 't vervag leadig versaerst temaguaren e velke aelig jing ter last der Imputagie tamboer verlofin van en prgeend. ver onderwigen van Jagema krom wy 't opperhoofd, en waarom. den 2e: OeMer lastheigthije vorlaaken egter: hoog of stoet quaamen te looppen, oveshalvin de opperhoofden gelast soude werden het ingekogte roodlaaken ter quantiteijt wat daaren tegnafthoeken van ses Ellen, weeder in Cassa te tellen, en daar en teegen in dies plaatse afteboeken 4. Ellen groen, en 2. Ellen blaauw en met welke Eepresebegente laakten met aanschrijvens dat men wel Expresselijk be„ geerde, dat niets sonder speciaale qualificatie deeser Rogee„ ring ingekogt soude werden, insonderheijd als eer nog restanten aan handen waaren, waarmeede het gebreckige of het ontbree„ kende konde werden gesupleerd, en het haar pligt was, en weesen om eerst de aanhanden weesende Restanten te verstrecken en verbruijken, eer tot eenig inhoofs getreeden wierde, en sulx niet geschieden moeste, dan bij een weesentlijk gebrek, en de noodsaa„ kelijkheijd daar was, dog het geen almeede vermijd konde werden, indoen de opperhoofden maar soo allent waaren, om hun benodigt„ last om het verschenken aan heijde tijdig dit heen ofrtegeeven; gelijk van haar gehoudenisse ook soude moeten weesen, om het verschenken aan lastige versoe„ kens in het vervolg soo min mogelijk geschiedede of in het geheel agter weege bleee, soo sij niet g'omponeerde wilden sijn ongenagenove de kchoregeobren vmn het selve uijt Poire bours de Rembourseeren; met wij„ deere betuijging van het Regtmatig ongenoegen deeser Regeering over do„ verse te hooge ofbrengingen, ton laste van de Timmeragie Rlecque„ ningen als meede over den inhoof van 1. balk ambon voor drie Jamnoerdin er moerem bak pagooden, gelijk ook van 48. lb: staal, welke laaste verstaan wierd weeder in Cassa te laaten tellen. Bij de overgesondene Cassa Rreequeming te vooren gekoomen sijn beligende as ome e en de, dat het groot gedeelte van de pagtfenningen van anno passado nu eerst ingekoomen en geincasseerd, en dus die van dit Jaar nog onbetaald gebleeven sullen sijn; soo is goedgevonden en ver„ staan, deselve voor Reecquening van het opperhoofde Pfeiffer te laaten, om door hem in Cassa betaald en verandwoord te weerden, uijt hoofde bij de saaken van de pagt alleen aan sig getrocken heeft, en neevens zijn dienaar moetoe di„ rigeerde; werdende voorts den aldaar bescheijdene taaboer verhoging in gagie van een Iacob De Croes in gagie verhoogd tot ƒ 11. teer maand, en daar van de handwijzing van de versagte en teegen van de hand geweesen het versoek van den sergeant Iacobus Meijboom, om herwaards te moogen koomen. Waar na geresumeert wierden de memorien der om„Resumptie en pensertie van demomorie derwigten soo wel te dier factorij als ten Comptoire Saggernaijk poeram in de laaste ses maanden van het Jongst affgelegde handeljaar bij de fokhuijsen ekc:a ontdekt en gevallen, en daar of in dier voegen gedisponneerd als in margine van de hieer onder geinsereerde hoorte uyttrecksels ningen. Certo. te vergolde

NL-HaNA_1.04.02_3375_0115 view scan ↗

English

95. The 2nd of February 1773. write off to Profit and Loss [illegible] being accounted for write off to profit and loss stands noted c From Bimiliatenaan Mace: Short 39 3/4 lb of Mace, of which 15 1/4 lb in underweight of these 14 1/4 lb on 154 lb or 1 sokkel opened in the last January for the retail, gives a loss of 9 1/4 per cent ample 1 lb on 102 1/4 lb during the said time, both provided for retail and gifted, reckoning 1 per cent 24 1/2 lb on 154 lb white leaf scrapings and dust coming from the aforesaid sokkel, being 15 7/16 per cent 75 lb of Cloves; viz. 37 lb of underweights, whereof 2 1/2 lb on 312 1/2 lb or 4 chests of cloves opened separately for the retail, gives an underweight of 13/16 per hundred 1 1/4 lb on 135 3/4 lb in 5 chests of cloves with nutmegs also opened for the retail, cal- culated at 7/8 per hundred 2 3/4 lb on 206 1/2 lb in 3 chests of cloves separately and opened for the retail, gives 1 5/16 per hundred ample 5 1/2 lb on 76 1/2 lb in 25 chests of cloves with nutmegs at the delivery, gives a loss of 1 7/16 per cent [illegible] on 10 1/4 lb in 13 chests of cloves separately at the receipt also loses 1 7/16 per cent 6 1/4 lb on 1494 1/4 lb in 16 chests of cloves alone, at the delivery, 3 17/16 lb on 390 1/4 lb both provided for retail and gifted, gives a deficiency of 1 per cent 24 3/4 lb on 393 3/4 lb of 5 chests of discarded and damaged nutmegs collected at the retail, yields a deficiency of 6 1/4 per cent 55 3/16 lb nutmegs or halves to be carried over as mentioned above. written off and transferred as said: scrapings and dust of spices collected at the delivery and retail of the following sokkel and chests; viz.: 24 1/2 lb white leaves, scrapings and dust of mace from 1 sokkel 877 1/4 lb 24 1/2 lb which are carried forward write off as before. written off as said with the mace: carried over 75. 37. 30 1/4 Carried forward delivery calculated 7/16 per hundred 6 3/4 lb on 602 1/4 lb so delivered, provided, gifted and successively lost and reduced in the weighing, gives an underweight of 1 per cent 381 lb dust and small debris of cloves; viz. 12 1/8 lb on 312 1/2 lb or 4 chests of cloves opened separately for the retail, reckoning 3 1/8 per hundred ample 12 5/8 lb on 135 1/4 lb in 5 chests of cloves with nutmegs rearranged, loses 8 7/16 per hundred 13 1/2 lb on 206 1/2 lb in 3 chests of cloves alone, calculated at the retail at 4 1/4 per cent 5 1/16 lb Nutmegs or Halves; for these 25 17/16 lb in underweights; to wit 3 3/4 lb on 73 3/4 lb in chests of nutmegs spilled with cloves at the retail, calculated at 7/16 per cent 17 3/4 lb on 1912 lb in 25 chests of nutmegs with cloves at the receipt, gives a loss of 7/16 per hundred The 2nd of February 1773. 75. 37. 30 1/4 lb which I carry forward

Dutch transcription

95. Den 2 ' febr: 1773. afschrijven of winst en Verlies - - - - - - - - - - - i ene enie e e verond worden afschrijven of winst en verlies - - - - - - - - - genoteerd staat c Van Bimiliatenaan Foovor: Schort 39 3/1. lb: Foelij of macis, daar van 15¼. lb: aan Onderwigten van deese . . . 14: ¼. lb: op 154. . lb: of 1. zockel in de laaste Jan: tot den verthien geopsonde geeft een ver„ loes van 9¼ per C=to Ruijm 1. „ „ 102. ¼ „ ingemelde teijd soo veerthierd voor „ streckt als verschonken rek: 1. p C. . s 24: ½. lb: off 154. -. lb: witte blaadses gruijs on sloff uijt voormelde sakhol voortgekoomen zijnde 1 7/16: p:r C=to J:s 75: lb: Gariaffel nagulen; als 37: lb: daer minwigten, hier vaar 2:½. lb: of 312 1/½. lb: of 4. kisten nagulen afsanderlijk tot den verthoer geoppende geeft een moinwigt van 3/16. ten honderd ps 5. kosten nagulen bij nooten almee„ 1. ¼4. „ „ 135: ¾. „ de tot den verthoer geopsend be„ reekend ten handerde 7/8. p s 2¾: 0 „ 206 /. „ „ 3. kosten nagulen afsondenlijk en tot den Verthoer geosseerde geeft 1 5/16. ben honderd Ruijm 5½. „ „ 76½. „ „ 25. Misten nagulen bij nooten bij den aanbreng geeft een verluis van 17/16. der C=to P:s „. „ „ 10 1/4 „ „ 13. Risten nagulen afsonderlijk bij den opneem verliest almede 17/16. Pr. Cto. Sr. 6.¼ „ „ 1494:¼ „ „ 16. kisten nagulen alleen bij den aan„ 3 17/16 „ „ 390¼. „ soo verthiende verstreckt als verschon„ den 1:e geeft een minheijde van 1. p:r C=to p:s 24. /4. 8: of 3: 3/¾. d: of 5. isten verwijtende en aangestootkeene nooten bij den verthier versameld, woerfst een minheijd uijt van 6 1/1. p:r C=to 55. 3/16. lb: nrooten of Rompen te Bort als booven gemeld. —. af en oversz: als gesegd- : 1: : gruijs en stoff van s sererijen bij den aanbereng en verthoor van de onder volgende sockel en kosten versameld; als: 24: ½: lb: Hite blaadjes, Gruijs en stoff van foelij uijt 1. zochel 877: ¼. 24 /½. lb: Die Transporteere afschrijven of als Vooren. -. - af afschaijnin als bij de folijgegd:. - te over te sort 75. -. 37. -. 30¼. 4. Per Transport breng bereekend 7/16. ten honderd p:s 6¾ „ of 602 ¼. lb: zoo verthoende verstreckt verschonken en bij het weegen successive verlooren en ingebroogd, geeft een minnigt van 1. pper C=to s=so 381. -. lb: sloff en koruijntjes van no gulen; als 12 1/80: a: off 312:½ 4: of 4. kisten nagulen afsonderlijk tot den Verthoer geopend reekend 3 1/8 ten honderd Ruijm 12 5/8. „ „ 135¼ „ d 5. kisten nagulen bij nooten omgeset verliest 8 7/16. p.:s Een honderd 13½ „ „ 2016 ½. „ „ 3. kisten nagulen alleen bij den Ver„ thoer berekende 4 1/1. per C=to 5 1/16. lb: Nooten of Rampen; vaor deese .. . . - 25 17/16. b: aan minwigten; tewee ton 3¾. l: of 73¾. lb: of . kosten nrooten bij nagulen bestort bij den verthierde bereestend 7/16 p:r C=to p:s 17: ¾ „ „ 1912. -. „ „ 25. kisteen nooten bij nagulen bij den overneem geeft een verlies van 7/16. ten honderd f=s Den 2'. febr: 1773. 75. 37: 30 ¼. lb: Doe Transporteere brengen

NL-HaNA_1.04.02_3375_0116 view scan ↗

English

97. The 2nd of February 1773. Write off to Profit and Loss [illegible] Write off to Profit and Loss [illegible] From the book of Untaxed Goods Deficiency 87 1/4 . 24 1/2 lb: Carried forward 38 lb: dust and heads of cloves, namely: 12 1/8 lb: from the 4 chests of cloves alone mentioned here before 12 1/8 lb: from 5 ditto ditto with nutmegs 13 1/2 lb: from 3 ditto ditto separately 24 3/4 lb: of the worm-eaten and tainted nutmegs from the aforesaid 5 chests 87 1/4 lb: grit and dust of spices, excess as above 1 13/16 lb: Cinnamon, calculated at receipt at 1/2 per cent 45 1/16 lb: Japanese bar copper in short-weight, as: 18 1/8 lb: on 14194 lb: upon shipment to the sub-merchant Rebens, 1/8 per cent 26 15/16 lb: on 21157 1/2 lb: upon minting, 1/8 per cent [illegible] on 50 lb: 8 1/16 per cent upon receipt 715 5/16 lb: white Chinese alum, namely: 420 1/2 lb: on 14022 1/2 lb: upon shipping calculated at 3 per cent 272 3/4 lb: on 13602 lb: upon transshipment at Jagannathpur, 2 per cent 19 7/16 lb: on 13329 lb: received back from ditto, 1 1/2 per cent 262 1/2 lb: on 13129 1/8 lb: upon dispatch calculated at 2 per cent 715 7/16 lb: as above 19 1/4 lb: Holland iron on 1284 lb: upon receipt and by invoice to this office charged with a shortage of 1 1/2 per cent 2 lb: Holland nails on 200 lb: upon shipping calculated at one per cent Untaxed goods for use 1 piece Packing racks, unserviceable due to long years of use Ammunition Goods 1 Runner for the derrick, unserviceable through frequent use Armory Goods 800 copper clearing needles, consumed in the aforesaid month From Jagannathpur 368 lb: Cloves, of these 209 3/4 lb: upon opening for dispatch, namely: 4 5/8 lb: on 450 1/4 lb: in 15 chests of cloves alone, upon receipt calculating a loss of 1 1/8 per cent 6 lb: on 1063 1/2 lb: in 12 chests in all as stated, 9/16 per cent 1/4 lb: on 49 1/4 lb: in 3 nutmeg chests, ditto, 1/16 per cent 2 1/2 lb: on 267 lb: in 9 ditto ditto, examined upon garbling, gives a loss of 15/16 per cent 16 lb: on 1612 1/2 lb: in 18 chests of cloves alone, upon receipt calculating a shortage of one per cent 10 lb: on 1031 lb: in 11 chests of cloves alone, also upon receipt and delivery gives a loss of 1 per cent 6 1/4 lb: on 623 1/2 lb: in 21 nutmeg chests, upon receipt calculated a short-weight of 1 per cent 14 3/4 lb: on 1470 3/4 lb: in 16 chests of cloves alone, ditto, being an ample loss of 1 per cent 10 lb: on 979 3/4 lb: in 33 nutmeg chests, upon receipt and garbling is a shortage of an ample one per cent 18 lb: on 1848 lb: in 20 chests of cloves separately, upon receipt calculated 1 per cent 1 1/4 lb: on 100 1/4 lb: in 3 nutmeg chests, upon receipt and delivery, being 9/16 per cent 2 1/4 lb: on 275 1/4 lb: in 3 chests of cloves alone, also upon receipt gives a short-weight of one per cent Further Deficiency The 2nd of February 1773. From 1 piece unserviceable 368 lb: 209 3/4 lb: 93 lb: To be carried forward

Dutch transcription

97. Den 2' febr: 1773. afschrijven op winst en Verlies- - - - - sen in senes e e e oe e e zijn son dat vn eoho, en die ij orsok afschriven op winst en Verloes- -- laats. —. uijt het boekje der Ongetageerde goederen teoveer te Nort 87¼ . 24.½. lb: Per Transport 38: „ stoff een kordijntjes van ngulen teweeten: 12: 1/0: l: uijt de hier Vooren geallequeerde 4. kisten nagulen alleen d=o 5. d„o d:o bij nooten 12 1/8 „ „ „ „ d=o d=o d:o 3. „ d:o afsoondoo lijk 13½. „ „ „ „ 24 ¾. l: der mijborde en aangstookenen moeten uijt de vooren gemol„ de 5. Hostoor 87 ¼. l: Gruijs en stoff van specerijen; toover als booven — 1/13½ lb: Canneel bij den aanbreng bereekend ½. ten honderd. — 15 1/16. „ staaffkooper Japans aan minwigten; als: 18: 1/on 8: of 14194. lb: bij den Vershoer en der soe Aong Reb:s 1n pr C„r „o 26. 1/16 „ „ 21157:½ „ bij vermunting- - - - - - - - - - - - - - 1/8. „ „ „ 1 en e e e e 1/1 : t as ooen o ans op 50: 8: 1/16 pr C=to bij den aanbreng 15 5/16. lb: alluijn witte Chineese, beweeten: 120 ½. lb: of 14022½ lb: bij het afscheepen bereekend 3. temhond=t 272¾. „ „ 13602. —. „ „ den overscheep te saggernaijks: 2. „ d=o 19 7/16. „ „ 13329: —. „ „ terug ontvangen van 8=o 1½ „ „ 262:½. „ „ 13129 1/8. „ „ den Verthier Reekende - - - 2. „ „ 115 7/16. lb: als Vooren 9: ¼. lb: ij zeer hollaands off lb: 1284: bij den aanbreng en bij fac„ tuur dit Comptoir aangereekend met een minheijd van 1½ ber C=to „ 2: - „ spijkers hollands of 200 lb: bij don afscheep reekeende Een ten hondert Omgetaxeerde goederen tot gebruijk p:s Pakstellingen door lang Jaarig gebruijk onbequaam Ammonitie Goederen „ Looper voor de Bok door veelvuldig Gebruijk onbe„ Wapenkamers goederen 800. kooppere Ruijmmaaldaen in gem: m: verbruijkste. — Van Iaggernaijkboeram 368: —: lb: Gaariofffel nagulen van deese 209 /¾. lb: bij 't oppenen tot dean vershoer te weeten 4 8„ 80: op 150:1/4: lb: in 15. osten nagulen alleen bij den aanbreng reek=des een Verloes van 1/3 pC. p. s 6. - „ „ 1063½ „ in 12. stosten in allos als gesegd 3/16. a „ „ — ¼ „ „ 49 ¼ „ „ 3. Note Hosten Idaon- - - - /16. „ „ d„m 2½. „ „ 267: - „ „ 9. d:o d:o bij quarbulatie geoffent geoft een verloes von 1/16 p=r C=to p=s 16. „ „ 1612 1/½. „ „ „ 18. Risten nagulen alleen bij dan aanboreng reesk: een minder heij vaar Een p:r C=to p=s 10. „ „ 1031. - „ „ 11. Hosten nagulen alleen meede bij aanboreng en ontfangst geoft een verloes van 1. ten honderd p:s 6¼ „ „ 623½. „ „ 21. nooton kisten bij aanbreng rod„ keerde een minnrigt van 1. ten honderd R=m 14 ¾ „ d. 1470 /¾ „ „ 16. kosten nagulen alleen Idem zijnde 1. per C=to Ruijm verloes 10. . . „ „ 979¾ „ „ 33. roote kisten bij aanbreng en gu„ „aabulatie is een minderheijd van Een peer Cto Ruijm 18. -. „ „ 1848. „ „ 20 Histon nagulen afsonderlijk bij den aanbreng reekd: d. den hoondt. Rm. 1¼ „ 100 1/¼. „ „ 3. roote hosteen bij aanbreng en Omt„ fangste zijnde 9/16. p„r Cto d=m 2¼ „ „ 275.¼. „ „ 3. kosten naguslen alleen meede bij aanbreng geeft een minwigt van den ps der C=to Feoerer TeKort Den 2' febr: 1773. Van 1: quaam 366: — „ 209¾. 93. . lb: Doe cetransporteere

NL-HaNA_1.04.02_3375_0117 view scan ↗

English

99. Surplus Shortage 36 809 ¼ 93 lb Brought forward 3 ¼ lb off 557 lb in 12 nutmeg chests, the same calculating a loss of one percent, pieces 15 ¾ lb off 1508 ¾ lb in 17 chests of cloves only, upon arrival gives a decrease of 1 percent, pieces 2 lb off 200 ½ lb in 7 nutmeg chests upon receipt, calculating 8 7/16 ample percent loss 21 ¾ lb off 2104 ¾ lb in 23 chests of cloves only upon arrival gives a loss of one percent ample 10 ¾ lb off 1005 lb in 36 nutmeg chests, also upon arrival, being a loss of 1 piece per hundred 2 lb off 205 ¼ lb in 7 nutmeg chests upon receipt gives a deficit in weight of 1 per hundred 5 ½ lb off 650 ¼ lb in 7 chests of cloves only upon arrival and receipt, calculating 1 per hundred and 8 pieces lb off 17 lb in 4 nutmeg chests upon arrival gives a loss of 17/18 percent, pieces 1 1/8 lb off 105 ¾ lb in 2 chests of cloves upon receipt, calculating 8 7/16 per hundred ample 3 ¼ lb off 321 ¾ lb in 11 nutmeg chests upon arrival gives a deficit in weight of 1 percent ample 0 ¼ lb off 846 ½ lb in 9 chests of cloves only upon arrival and delivery, being 1 percent loss 36 ¾ lb off 3671 ½ lb in 40 chests of cloves only upon delivery and receipt, calculating 1 per hundred 2 ¼ lb off 234 ¼ lb in 8 nutmeg chests upon arrival gives a deficit in weight of 1/16 percent ½ lb off 87 ½ lb in 1 chest of cloves only upon receipt, calculating 8 9/16 per hundred 209 ¾ lb cloves short upon conveyance as mentioned in the heading Surplus Shortage 366. 209 ¾ lb Brought forward 150 ½ lb upon arrival, namely: 23 ¼ lb ditto 6 40 ¼ lb in 50 chests of cloves only, calculating a decrease of ½ percent ample 26 ½ lb in 5336 lb in 59 chests gives a loss of ½ percent 4 ¾ lb in 94 ¼ lb in 32 nutmeg chests, calculating a decrease of ½ percent ample 108 ¾ lb in 3755 1/8 lb in 40 chests of cloves only gives a loss of ½ piece per hundred 16 ½ lb in [illegible] in 100 chests of cloves only, being a deficit in weight of ½ percent ample 7 ¼ lb in 1470 lb in 5 nutmeg chests, calculating ½ piece per hundred loss 23 ½ lb in 469 ¾ lb in 50 chests of cloves only gives a loss of ½ percent ample ½ lb in 50 ¼ lb in 2 nutmeg chests is a decrease of 1 7/8 pieces per hundred 5 ¼ lb of 95 brought in on the consumption chest, calculating 8 7/16 per hundred barely 366 lb cloves shortage as mentioned hereinbefore [illegible] and siftings of cloves on 244 lb gathered in 3 [illegible] gives a loss of 1 7/8 percent write off to profit and loss: 95 ¾ lb nutmegs or round ones, among which: 150 ½ lb upon opening for conveyance; of which 2 ½ lb ditto 297 lb in 3 chests upon arrival, being a loss of 13/16 percent ample 9 ¾ lb in 979 lb in 9 chests upon receipt gives a deficit in weight of 1 piece per hundred 20 ¾ lb in 2079 lb in 21 chests upon arrival, calculating one per hundred ditto 19 5 4 10 ½ 2 lb to Frans Wontoeve The 2nd of February 1773 The 2nd of February 1773 366 209 lb to be carried forward

Dutch transcription

99. te over te Nort 36„ 809 ¼ 93 — lb: Per Traansport 3/¼ „ off 557: lb: in 12: noote Hosten Jdem Reekend Een verlies van Een p„r C=to p„s 15/¾ „ „ 1508 ¾ „ „ 17. tisten nagulen alloen, bij den aan breng geeft een minderheijd van 1. ben Cto P s 2. „ „ 200½ „ „ 7. noote kiston bij den Omtrang ree„ den 8 7/16. ruijm p=r C=to Verlies 21 ¾ 0 „ 2104¾ „ „ 23. kosten nagulen alleen bij den aaa„ breng geeft een verlies van Een R=m ten honderd 10. /¾ „ „ 1005 „ „ „ 36: noote kisten almeede bij aanbreng sijn„ de een Verlies van 1. P:s per C=to „ „ 205¼ „ „ 7. nooten kisten bij den Ontfang geoft 2. — een min wigt van 1. per C=to 7. kisten nagulen alleen bij den aanbring 5½ „ „ 650¼„ om ontfang reekend 1. den hoonders 8 p. s 4. nrooten kosten bij aanbreng geeft een „ „ „ 17. Verlies van 17/18 p„r C=to p. s 1 /%„ „ „ 105 ¾ „ „ 2. listen nagulen bij den Ontfang vee„ den 8 7/16 tonhonderde Ruijm 3¼ „ „ 321¾ „ „ 11. nooten kisten bij aanbreng geeft een minwigt van 1. R=m ben C=to 0¼ „ „ 846½ „ „ 9. kisten nagulen alleen bij den aanbreng en uijtleewering, zijnde 1. p:r C=to f:r verlies 36¾ „ „ 3671½ „ „ 40. kisten vagulen alleen bij uijtleewaring en ontfangst wekende 1. ten hoond=l Rd=a 2¼ „ „ 234.¼ „ „ 8. rooden kosten bij aanbreng geeft een omimwigt van 1/16. =a pr C=to —½ „ „ 87½ „ „ 1. kist nagulen alleen bij den ontfangstwee„ ten 8 9/16 ten honderd 209 ¾ lb: Nagulen bij den verthoer beskort als in den hoofd des geomd 1 te over tekort 366. 209 ¾4 lb: Per Transport 150:½ „ bij den aanbreng; teweeten: 231/4 lb do 6 40¼: 8b: in 50. kosten nagulen alleen reekend een minderheijd van ½. per Cento R=m 26½ „ „5336: „ in 59. kosten geeft een verlies van ½ per Cento f=os 4¾. „ „ 94¼ „ in 32. nooten kosten reekende een minder„ heijd van ½. per Cento Ruijm 108¾4: „ „ 3755/8: in 40. kosten nagulen alleen geeft een verlies van ½. p:s ten honderd 16½ „ agzenajk o in 100. kisten Nagulen alleen zijnde een minwigt van ½. R=m P=r Conto 7¼„ „ 1470: „ in 5. nooten kisten woekende ½. ps ten honderd verlies 23½ „ „ 469 ¾ „ in 50. kisten nagulen alleen geeft een ver„ lies van ½. p=r C=to R=m — ½ „ 50 /¼. 0. „n 2. roode kisten is een minderheijd van 17/8. p s per Cento 5¼. lb. of 95: san de Consum phie kost ingebroogde Reesken 8. 7/16. ten honderd schaars 366 . lb: Gariassel nagulen te koort als hier vooren gemeld. soenien egten o oor e e e 0 14 en ruijntjes van nagulie op 244: lb: in 3/m: ver„ gadirst geoft een Verelies van 1 7/5. : t ofschrijven op winsle en verled- 95¾ 4: Nooten of Rompen; waar onder: 150 1/½. lb: bij 't offenen tot den verthoer; van dewelke 2½. l0. d„o 297: 8b: in 3. stosten bij den aanbreng zijnde een Ver„ lies van 13/16. R=m ten honderd 9 /¾: „ „ 0791: „ in 9. kisten bij don Ontfang geeft een min„ mogt van 1 p=s pen Cento 20¾ „ „ 2079: „ in 21. kosten bij den aanbreng reesende Eem Voor Comrto J=o. 19 5 4. 10 ½ 2. db: Die Frans Wontoeve. — Den 2. ' febr: 1773. Den 2e' febr: 173. 366: 209. —. db: Die Transpporteere -

← previousnext →