VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3380

Malabar · 628 pages · 280 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3380_0087 view scan ↗

English

80 At the Leper House in Paliaporto, 9 infected persons are currently being maintained, according to the accompanying name roll, there having been placed therein, according to our resolution of June 5th, the soldiers Daniel Gerard of the Palatinate and Jan Baptist Bernhard of Ostend, together with the wheelwright Jan Paauw of Amsterdam, which persons were found infected with the grievous disease of leprosy, as shown by the report of the chief surgeon Louis Quintin Martinsart and native physician Gensena Pandiet, inserted in the aforesaid resolution. Previously, on account of the disease of leprosy prevailing here as much as elsewhere, the households were visited here every year by the members of the Surgery, which, however, had already fallen into oblivion for several years, and as this grievous disease broke out more and more, or at least was seen considerably more in public than some time ago, we have, for the public benefit, resolved to put that annual commission back into train, and in order to make it as little offensive as possible, at the same time to establish as a permanent order that every year, when ward masters make the register of the families residing within this city, and when each head must appear in person, there shall be present at that commission the chief master of the Company's hospital, Louis Quintin Martinsart, together with the native physician Pandiet, in order then at the same time to inspect and examine all those persons, especially the slaves, and to submit a separate report of their findings. As, by virtue of Your High Honors' respected circular order, the captains, captain-lieutenants, or heads of the Militia must once and for all remain excused from Justice, 81 we have, as shown by our resolution of December 16th of the past year, discharged Major Medeler from The Council of Justice, and both in his place and in the place of Ensign Stip, who has returned to Ceylon, admitted as members therein the chief surgeon Hermanus Leitner and bookkeeper Hendrik Anthonij Medeler. The minor boards having undergone no changes, we note further, with respect to all the boards, that it has been reflected upon by us that no oath of purge is taken here by the board members who administer any law and justice, whereas such occurs annually in Ceylon as well as elsewhere, and why we considered that it ought to find a place here as well; so that on January 8th we decreed to introduce that method here, and to that end drafted such oaths of purge for the Council of Justice, for Orphan Masters, and for the Board of Civil or Petty Causes, all of which are incorporated in the aforesaid resolution, the contents of which, on the day when the administration is ordinarily changed here and the boards appear in the assembly, were read to them in order to be able to govern themselves in the performance of their duties, with the announcement that those oaths will be taken by them the coming year upon the change of the administration. And as it was also not in custom here that the officers of the burghery appear in the assembly on the day of the change of the administration to learn of the continuation or changes made among them, we have furthermore decreed to instruct the servants of the secretariat in the future to summon likewise the officers of the burghery and other distinguished persons who have a relation to any board, to appear on the day of the change of the administration.

Dutch transcription

80 werden g'alimenteert. twee soldaten en een wielemaker en dat Godt hart geplaast. de huis gesinnen zijn bevoorens Iaarlijx door die van de Chirurgii gevisiteert boek geraakt. den Majoor Mideler als Lid uit de Justitie ontslaagen. en zal geschieden wanneer brand en wykmeesters de beschrijving der huisgezinnen doen. en werd daarom wederen train gebragt. Het Leproosen huis hoivel leproosente baliaporto te Paliaporto, werden thans 9 besmit„ telingen onderhouden, blijkens de nevens gaande naam rolle, zijnde daar in blij¬ kens ons besluijt van den 5 Junij ge¬ plaatst de soldaaten Daniel Gerard van de Palts, en Jan Baptiot Bernhard van Oostende, mitsgaders de wielema¬ ker Jan Paauw van Amsterdam, welke perzoonen met de bedroefde ziek te van lazernije besmet zijn bevon¬ den, uijtwijzens 't raport van den op¬ perchirurgijn Louis Quintin Mar¬ tinsart en inlandse geneesmeester Gensena Pandiel, in voorsz: reso„ lutie g'insereert. Bevoorens zijn hier alle Jaaren, uijt hoofde van de hier zoo zeer als elders heerschende ziekle van melaatsheid, de huisgezinnen door die van de Chirur¬ gie gevisiteert, dat nu egter al eenige do giseinige Jaaren in't vergeet, jaaren lang in het vergeetboek was geraakt, en dewijl deese bedroefde ziek te meer en meer doorbrak of ten min Dewijl uijt hoofde van uw hoog Edel„ heedens gevenereerde circulaire ordre de capitains, Capitain Lieutenantz, of hoofden der Militie eens voor al van de Justitie moeten blijven g, excuseert, sten vrij meer in 't oopenbaar gezien wierd, als voor eenigen tijd; zoo hebben wij ten nutte van het algemeen beslooten, die Jaarlijkse commissie weder in train te bren„ gen, en om deselve zoo min aanstootelijk te maaken als moogelijk is, teffens als een permanente ordre te bepaalen, dat alle Jaa„ ren, wanneer wijkmeesters de beschrij„ ving doen van de families binnen deeser steede woonagtig, en wanneer sig ieder hoofd voor hoofd moet vertoonen, bij die commis¬ sie present zal zijn, den oppermeester van s Comps hospitaal Louis Quintin Mar¬ tinsart, beneevens den inlandse Genees„ meester Pandiet, om dan te gelijk alle die persoonen, voornamentlijk de slaaven, te besigtigen en te visiteeren, en van hunne bevinding apart raport in te leeveren. sten zoo 81 en in sleede van denselven enden Vaandrig stip als Leiden g'assumeert boekhouder Medeler in de mindere Collegies is geen verandering voorgevallen. geen Jaarlykse eede van purge door de Collegies gepresteert werd. besluit die met hode hier in te voe„ worpen, vide Ret: van 8. Janua„ rij J„o lieden. ke persoonen meede te laten com pareeren. de offecieren verschijnen ook niet op den dag van 't versetten van de wet. onder aankunding dat deselve 't aanstaande Jaar zullen wer„ den gepresteert. men heeft deselve de Colligian„ ten voorgeleesen. zoo hebben wij blijkens ons besluijt van den 16 xber: anno passato, den majoor Mede„ ler uijt Den Raad van Justitie, den opperchirurgyn secknenen ontslaagen, en zoo in deszelfs plaats, als in steede van den na Ceijlon te rug gekeer„ den vaandrig stip, daar in als Leeden g'assumeert, den opperchirurgijn Her„ manus Leitner, en boekhouder Hen„ drik Anthonij Medeler De mindere collegien geene verande¬ ringen ondergaan hebbende, noteeren wij verder, met opzigt tot alle de Collegies, dat bij ons gereflecteert is, dat hier geen mins heeft gereflecteert, dat hier eed van purge door de Collegianten, die eenig rechten Justitie oeffenen werd ge¬ presteert, daar zulx zoo wel op Ceijlon als elders Jaarlijks geschied, en waarom wij vermeend hebben, het hier ook plaat ran, en zoodanige conapten ont, diende te vinden; invoegen wij den 8. Januarij hebben g, arresteert, die metho hier in te voeren; en ten dien eijnde ont„ worpen, zoodanige eeden van purge voor En dewijl ook alhier niet in gebruik was, dat de offecieren van de burgerij op den dag van het verzetten der wet in de vergaaderinge verschijnen, om de continuatie of veranderinge onder hen besh: deselve en andere aanzien sijn gemaakt te verneemen, hebben wij al verder garresteert de bediendens der secretarij te gelasten, voortaan de of„ fecieren der burgerij, en andere aanzie¬ nelijke persoonen, die tot eenig Colle„ gie betrekkinge hebben, insgelijks op voor den Raad van Justitie, voor Wiesmees¬ teren, en voor het Collegie van Civiele of klei¬ ne zaaken; welke alle in voorsz: besluijt ingelijft zijn, welkers inhoude ten dien daage, dat alhier ordinair de wet word verzet, en de Collegies in de vergadering verschijnen aan deselve is voorgehou¬ den, ten eijnde in het waarneemen van hunne pligten sig te kunnen regulee„ ren, onder aankundiging dat die eeden door hen het aanstaande jaar bij het ver¬ zetten der wet zullen worden gepres„ „teert. den de

NL-HaNA_1.04.02_3380_0089 view scan ↗

English

82 Regarding the write-off of 1318 ropias, an extract from Your High Honours' missive was delivered to the Orphan Masters. The Orphan Masters indicate that the wards suffered no loss by that write-off. The fanams never had a fixed relationship among the community. One gives more or less for a rupee, depending on the scarcity or abundance of rupees. Which request was granted. Request that the capital as mentioned in the text may continue to run on interest. to appoint the assembly hall, in order to be present at the solemnity of that day, to be reminded of their obligation of loyalty. With respect to the Orphan Masters here, we must further bring to the knowledge of Your High Honours that, upon being handed an extract from Your High Honours' missive dated 1 October 1771 written hither, see resolution of 10 October of the past year, regarding the write-off of 1318 1/3 ropias, by which certain 304000 Cochinchina fanams belonging to the Orphan Chamber, which for some years have been running at interest with the Company, reduce to less than their intrinsic value as they were entered into the Company's books, they have made known to us by an extract from their resolution that, after careful review of the past records, they found that neither the Orphan Chamber nor the wards had in effect suffered any damage from this write-off, and besides have made a request that the amount of the aforementioned 304000 fanams at 22 pieces per rupee, for which they were accepted by the Company according to the resolution of 2 October 1770, and which by that calculation reduce to 13818 1/3 silver rupees, might continue to run at interest with the Company in such manner; we deliberated on this in our meeting of 10 October of the past year and resolved to consent to the request of the Orphan Masters, but at the same time to demonstrate to Your High Honours for greater clarity: That the fanams, as a local currency, against the silver rupees and other trade monies have never had a fixed and determined relationship among the community here, and that one therefore in common trade is accustomed to give or receive more or fewer fanams for a rupee, in proportion to the scarcity 83 or abundance of the rupees. The reduction of 20 fanams per rupee has had no sufficient influence on the exchange rate of the fanams among the community, since one saw the fanams decline at the same time. The property of the orphans was sold for fanams and brought to the Company as such. The Company had the fanams reduced according to the calculation used in the books. Yet, this no longer being convenient, to present the capital to the Orphan Masters in specie, or otherwise to have the fanams calculated according to their intrinsic value. The Company indeed had the goodwill to pay the interest thereon. That furthermore the reduction of 20 fanams per rupee, which the Company is accustomed to follow, has had no, or at least no sufficient, influence on the exchange rate of the fanams among the community to maintain the proportion between them and the rupees, because at the very time that this calculation was still in full force at the Company, one saw the fanams decline to thirty and more for a rupee. Yet the capital cannot be considered to have changed in nature. That the goods and possessions of the orphans, from which the aforementioned capital profligated, were sold for fanams, and that this amount was also brought to the Company in fanams in specie by the Orphan Masters. That the Company, running these fanams like the other species in its treasury, had them reduced according to a calculation which it deemed fit to maintain in its books, without the capital of the orphans brought to the Company by the Orphan Masters being able to be considered thereby to have changed in any way in nature. That the Company indeed had the goodwill to cause the interest on this capital to be paid according to what the aforementioned 304000 fanams reduced to in rupees according to the calculations customary in its books, as long as it could preserve the capital itself in specie without inconvenience; but that when this was no longer convenient for the Company, and it wished to make use of it, there was no impropriety, and the orphans were in effect not disadvantaged, by offering to return to the Orphan Masters in specie as was done to the deacons the capital received from them, or otherwise to cause the fanams to be calculated according to their intrinsic value.

Dutch transcription

82 men heeft noopens de afschrijving van 1318 Bropias, extract uit haar H: H: missioe aan Weesmeeste„ rens ter hand gesteld. Wesmeesteren geven te kennen dat de pupillen bij die afdct: geen nadeel geleeden hebben. de fanains hebben remmer een bepaalde relatie gehad onder de gemeente men geeff meer of minder voor een ropij, na mate van schaarsen heid of overvloed der ropijen. welk versoek werd g'accordeert versoek det k capitaal zoodanig als in den text verm: mag blij„ ven voortlooven. de vergaadersaal te appoincteeren, om bij de plegtigheid van dien dag present te zijn, om aan hen derselven gehoudenisse van getrouwigheid te werden herinnex: Ten opzigte van Weesmeesteren alhier moeten wij uw hoog Edelheedens nog ter kennisse brengen, dat deselve ter handen gesteld zijnde extract uijt Uw hoog Edelheedens missive in dato 1 October 1771 herwaards geschreeven, vide Ret: van 10. ck: A„o passato. noopens de afschrijving van 1318. d /3. ropias; welke zeekere 304000 Cachima fanums van de weeskamer, die t' zeedert eenige Jaaren bij de Comp: op renten voortgeloopen hebben, naar derselver weezentlijke waar de minder reducee¬ ren, als ze bij de Comp: gebocht zijn, zij bij extract uijt derselver resolutie aan ons te kennen hebben gegeeven, dat na aandagtige resumptie der retro actens bij hen bevonden was, dat de weeskamer nog de pupillen bij deese afschrijvinge in effecte geen schaade geleeden hadden, en daar be„ neevens verzoek gedaan, dat het bedraa¬ gen der voorschreeven 304000: Canumsz: a 22 stuks per ropij, waar voor deselve volgens resolutie van den 2. October 1770 bij de Comp: aangenoomen waa„ ren, en welke na die bereekeninge reduceeren 13818 1/3. zilvere ropijen, zoodanig bij de Comp: oprenten mog¬ ten blijven voortloopen; wij hebben hier over in onze bijeenkomste van den 10. October anno passato gedelibereert en verstaan, in het versoek van Wees¬ „meesteren te consenteeren, dog t ef„ fens uw hoog Edelheedens tot meer„ der duidelijkheid te vertoonen; Dat de fanums als een s'lands munt, teegens de zilvere ropijen en andere penningen van Negotie hier nimmer een vaste en bepaalde relatie onder de gemeente gehad heb¬ ben, en dat men dus in den gemee„ nen handel voor een ropij meer of minder fanums pleegt te geeven ofte ontfangen, naar maate van de schaars neevens heid 83 de reductie van 20. Jan„n per ropij gehad op de Coers der vanE„ tijd heeft zien daalen. de goederen der weeten zyn voor fans, verkogt en zoodanig by de Comp: gebragt. de Comp: heeft de fan:s laten by de boeken. waarde. dog zulx m t langer conventeerende taal aan Wismeesteren in spetie te presenteeren. ligheid gehad, de renten daar van te betaalen. heid of overvloed den ropijen. Dat voorts de reductie van 20. Canum, dog t la pitael kan niet gerekend heeft geen genoepsaamen invloed per ropij, welke men bij de Comp: pleegt te zyn. te volgen; geen of ten mintsten geen genoegsaamen invloed op den Cours der fanums onder de gemeente gehad heeft, om de proportie tusschen desel¬ „ve en de ropijen te behaalen, wijl men alsoo men de Jonrms ter zelver ten zelven tijd, dat deese bereekening bij de Comp: nog in volle vigeur was de fanums heeft zien daalen tot dertig en meer voor een ropij„ Dat de goederen en besittingen der weesen, waar uijt het voorschree¬ ven capitaal is geproflueert, ver„ kogt zijn voor fanum, en dat dit bedraagen ook aan fanums in spetie door Weesmeesteren bij de Comp: gebragt is. Dat de Compe deese fanums ge¬ reduceeren volgens de bereek: lijk de andere spetien in haar Casta voortloopende, heeft laten reducee¬ ren naar een bereekening, die de„ selve goedgevonden heeft bij haare bo ken te houden, zonder dat het Capitaal der werden van natuur verandere weezen, door Weesmeesteren bij de Comp: overgebragt, kan gereekend worden, daar door eenigsints van natuur verandert te zijn. Dat de Comp: wel de goedwilligheid de Comp: heeft de wel de goed wil gehad heeft, de renten van dit Capitaal te doen betaalen, naar het geen de voorsz: 304000. fanums volgens de bij haare boeken gebruijkelijke reekeningen reduceerde aan ropijen, zoo lange zij zonder ongelegentheid t Capitaal zelve in spetie heeft kunnen bewaa¬ wesergemn ontellijkheid te lem ren; dog dat toen de Comp: dit niet langer convenieerde, en ze daar van gebruik wilde maaken, er geen ontil¬ lijkheid instak, en de weesen in effec„ te niet benadeelt zijn, door aan wees¬ meesteren te presenteeren in spe¬ tie te rug te geeven /:gelyk zulx aan diaconen gedaan is:/ het van off anders de Jan: te doen beree haar ontfangen capitaal, of ander„ kenen na derselver wesentlijke zints de fanums te doen bereeke„ nenna derselver weezentlyke ken waarde

NL-HaNA_1.04.02_3380_0091 view scan ↗

English

84. value, and such as could be issued among the community, all of which was omitted by the resolution taken here on 2 October 1770, it having been deemed unnecessary to demonstrate; we considered it our duty to provide Your High Excellencies with this further report thereof, and for what reasons we have also required the Orphan Masters to explain themselves in this regard, in the hope that Your High Excellencies will be pleased to interpret favorably that your order, contained in the Missive of 1 October 1771, has been kept from execution pending your highest further instructions. The Curator ad lites and the secretaries of Justice and the Orphan Chamber have properly rendered account, proof, and remainder of their respective administrations, as appears from the reports inserted in our decisions of 16 September, 10 October of the past year, and 1 of this current month. According to the order, a report of the stamped paper must be submitted every six months, showing how much thereof has been stamped, distributed, and remains in balance; but this had already fallen into disuse for over three years and was not done, for which reason we resolved in the session of 13 August of the past year to have the Head Administrator submit such a report of the stamped papers that remained balance at the last rendered proof, and those that have been prepared, distributed, and then remained balance since this was omitted until the end of that month, and further annually by the end of February and August, in order to be inserted into the resolutions according to custom. Pursuant to this, the Head Administrator presented the required report at our meeting of 16 December of the past year, in which resolution the same is recorded. 85. The military, artillerymen, and seafaring personnel stationed on this coast consist of a number of 646 heads, as appears from the enclosed general brief strength, among whom are 360 Europeans. For the 48 military personnel sent, we express our humble gratitude to Your High Excellencies, and take the liberty to request from Your High Excellencies a further reinforcement of European militia, as our garrison has again been greatly weakened by the discharge of 19 heads who were sent to Batavia on the Barbara Theodora, and through deaths and other mishaps, not to mention so many old, sick, and infirm personnel as still remain in our garrison, to which is also added that with the upcoming open shipping season some soldiers whose time has expired will certainly request their discharge again. Having come to our knowledge the destitute and straitened condition of several respectable officers' widows, who together with their children sigh and are bowed down under an oppressive poverty, and having noted that in most places in the Indies, at least in neighboring Ceylon, there are military funds from which the needy widows of military men enjoy a certain maintenance according to what the fund permits; we therefore, on 13 August of the past year, this matter... Six Topass soldiers stationed at Chittua were entered there among the native servants and paid off, and therefore were not carried on the pay books like all other servants; on 13 August of the past year we resolved to have them placed on our pay books, and to order the Chittua officials no longer to enter them among the native servants.

Dutch transcription

84. dit berigt haar H. H: te moeten in hoope van welduiden dat H: dordre buiten derselver execu„ tie gehouden is. De Secretarissen hebben na de ordre beweis gedaan. en voorts om de ses maanden den hoofd administrateur gelast een berigt zeedert dien tijd in te leeveren. maar dit was beesten gebruik geraakt. volgens de ordre moet alle zes maanden een berigt van de Zeguls ingedient werden. waarde, en zoodanig als se onder de ge„ meente konden uijtgegeven werden, al 't welk bij de hier genomen resolu¬ tie van den 2. October 1770 gomitteert minheeft noodig geoordeelt zynde, te vertoonen; hebben wij ver„ meend Uw hoog Edelheedens dit nader berigt daar van te moeten doen, en om welke reedenen wij ook van wiesmeesteren gerequireert hebben zeg derweegens te verklaaren, in hoo¬ pe dat uw hoog Edelheedens ten goe„ de zullen gelieven te duiden, dat der„ zelver ordre, vervat bij Missive van den 1. October 1771. tot hoogst dersel„ ver nader last buijten executie gehouden is. De Curator ad lites en de secretarissen van Justitie en Weeskamer, hebben behoorlijk reek:, bewijsen reliqua gedaan, van haare respec¬ tive administratien, blijkens de raporten bij onze besluiten van den 16. September, 10. October anno passato, mitsgaders 1. duser g, insereert. Van het gestempelde papier moet vol„ gens de order alle zes maanden een be¬ rigt ingeleevert worden, met aantoon in¬ ge hoe veel daar van gestempeld, verdebiteert en per restant is; maar dit was nu al over de drie Jaaren buijten gebruik geraakt en niet geschied, waarom wij ter zitting van den 13. Augustus anno passato, hebben g,arresteert, den Hoofdadministrateur zoodanig een berigt te laaten inleeveren, van de zegul papieren, die bij het laaste gedaan bewijs restant geweest, en die t' Zee¬ dert zulks geomitteert is, tot ultimo dier maand, aangemaakt, verdebiteert en als toen restent gebleeven zijn, en voorts Jaar¬ lijks onder ultimo februarij en augustus, ten eijnde na den gebruijke in de resolu¬ ties g,insereert te werden ingevolge van dien heeft de hoofdadministrateur in on„ ze bij eenkomste van den 16. xber: anno passato overgelegt het gerequireert be„ rigt, in welke resolutie het zelve inge„ den Schreeven doen. 85 de korte sterkte van s„ Comps: magt hier ter Custe komt over. militairen. Verzoek om een nader secours. Swekheid van 't guarnitoen behoeve van diergelyke persoonen. Officiers Weduwen. de Toepasse te Chittua alsinland„ hebbende, zyn onder de vaste die„ naaren gesteld. schreeven staat. risten en Zeevaarende te deeser custe bescheiden, bestaan in een getal van 646. koppen, blykens overkoomende ge„ nerale korte sterkte, waar onder 360. Europiesen. De Militairen, Arthille¬ Voor de gezondene 48. koppen Militairen, betuigen wij Uw dankbetuiging voor de gesondene hoog Edelheedens onze ootmoedige dankbaar„ heid, en gebruijken de vrijheid uw hoog Edelheedens te verzoeken, om een nader secours van Europeese militie, alzoo ons guarnisoen door de verlossing van 19. kp „pen, die met de Barbara Theodora na batavia zijn verzonden, en door sterft en andere ongevallen weder zeer ver„ zwakt is, gezwijge, van zoo veele oude, zie„ op Ceelon zijn krijgscasten ten ke en verkwakte, als er nog in ons quarm„ soen zijn, waar bij ook komt, dat met de aanstaande oopenvaart weder zeekerlyk eenige militairen, mits tijds expiratie hunne verlossing zullen verzoeken. Ter onzer kennisse gekomen zijn„ behoeftige staat van verscheide de, den behoeftigen en bekrompen staat van verscheide fatzoenelijke officiers weduwen, die neevens hunne kinde¬ ren onder een drukkende armoede zug¬ ten en als gebukt gaan, en opgemerkt hebbende dat op de meeste plaatsen in Jndien, ten minsten op 't nabuurig ceijlon krijgs lassen zijn, waar uijt de behoeftige weduwen van Militairen na maate de cas toelaat, een zeeker onderhoud genieten; zoo hebben wij op den 13 Augustus anno passato deeze Zes Toepasse zoldaaten te Chittuer be„ scheiden, wierden aldaar onder de inland¬ se dienaaren byj de boeken geloopen se dienaaren opgebragt en afbetaalt, en liepen daarom niet bij de zoldij boeken, gelijk alle andere dienaaren; wij heb¬ ben den 13 Augustus anno passato gearresteert, deselve bij onze zoldij boe¬ ken te laaten inneemen, en de Chittua„ se bediendens te gelasten, deselve niet meer onder de inlandse Dienaaren op te brengen. Zes zaak

NL-HaNA_1.04.02_3380_0093 view scan ↗

English

86 Decision to establish a military fund here as well, in order to provide some support from it to the needy. How many persons have deserted in a period of 10½ months. Concerning the pay books. It was considered that deceased pensioners were not immediately reported to the cashier in order to cease the disbursement. Decision to have this done henceforth. The general muster rolls were not compared here against the pay books. Considering the matter, a military fund has also been formed here, and the administration of the monies entrusted to the head of the military here, Major Medeler, so that from it, as everywhere where a military fund exists, such maintenance as the fund allows may be provided to the needy widows of military personnel, and which shall be drawn up annually at the end of August. Deserters, since 30 April of the past year until the 16th of this month, have only been two Easterners, namely 1 corporal, and 1 soldier. Three sets of pay books, of which three sets are now being transferred in two chests, have been audited in accordance with our resolution of 4 February of last year, on which occasion it appeared to us that the commissioners duly stated everything in their report inserted in the aforesaid resolution, to which we respectfully refer, while under this heading we still note how, having observed that the general muster rolls of the end of June here are not compared against the pay books, or at least no reports of this are submitted, which nonetheless ought to be done according to the regulation, we resolved at the session of 13 August of the past year to have the annual muster rolls compared against the pay books henceforth, and to have a written report submitted thereof, in order to act upon it as found necessary. Furthermore, we reflected that some pensioners having died, orders were not immediately delivered to the cashier to cease their monthly allowance, whereby self-interested persons could receive the monthly disbursement without this being noticed earlier than at the annual muster at the end of June, when, on the pretext of being unable to be present due to illness, this could continue even longer; and since it was learned from the pay clerks that they are only occasionally, but not always, warned when a pensioner has died, and thus could not make the report to the secretariat, and the secretariat clerks excused themselves that, receiving no report of death, they also could not prepare an order for stopping the disbursement; we have therefore approved at the aforesaid meeting of 13 August of the past year to establish as a standing order that at the annual muster, as a special article in the report of that commission, those among the pensioners who did not appear shall be made known by name, in order that it may be investigated whether they are sick and effectively still alive, and further that by the gravedigger a list of all Honorable Company servants who are buried shall be submitted each time to the pay office and to the secretariat, stating the name and the day of their death, and that a list of this statement shall be delivered every three months to the first-signed. Decision to have made known in the muster report which pensioners did not appear. To have the gravedigger submit a monthly list of all deceased Company servants. The same remains preserved by rubble and stones. No repairs have been done at the quay below the Point [illegible]. Regarding the fortifications, we must bring to the attention of Your Right Honourables that at the quay below the curtain of the Point [illegible] no repairs have been done again, and the same continues to be preserved without any costs by having stones and rubble dumped by the ordinary coolies, and remains insensitive to bottom currents; although in recent days some wash-out began to appear at a part thereof, whereupon, with greater force, even more rubble and stones were immediately thrown into it by the chain gang at times when they could be spared from other work, so that in this manner it was maintained. 87

Dutch transcription

86 besluik hier ook een krijgslas op te regten. om aan die behoeftigen daar uit eenig onderhoud te verstrekken. hoevel persoonen en 10½. maan den tyjds zyn gedeserteert. komenover. overleedene Gegageerdens niet den Cassier wierden besorgt om en van raport te laten dienen. besluit het selve voortaan te laaten geschieden. de generale monster vollen wer den hier niet teegen de zoldij boeken geconfronteert. zaak overweegende, ook hier eens krijgs cas geformeert, ende penningen ter administratie opgedraagen aan het hoofd der militie alhier den Majoor Medeler, ten eijnde daar uijt, gelijk over al, waar een krijgs Cassa is, aan de be„ heeftige weduwes van Militairen zoodanigen onderhoud te verstrekken als de castoelaat, en welke Jaarlijx onder Ultimo Augustus zal werden opgenoomen. Deserteurs zijner t' zeedert den 30. April anno passato tot den 16 deeser eenelijk geweest twee ooster„ lingen, als 1. Corporaal, en Zoldaat De Zoldij boeken drie stellen soldij boeken waar van thans drie stellen in twee kassen overkoomen, zijn blijkens ons be„ sluit van den 4e februarij J„o leeden gere„ videert, bij welke gelegentheid ons geblee¬ ken is, dat de Gecimmitteerdens alles behoor¬ lijk hebben opgegeven bij hun raport ter voorsz: resolutie ginsereert, waar aan wij ons reveren¬ telijk gedraagen, terwijl we onder dit hoofddeel nog noteeren hoe bij ons opgemerkt zijnde, dat de generale Monsterrollen van ulto Junij alhier niet teegen de soldij boeken geconfron„ teert werden, ten minsten daar van geen raporten inkoomen, het geen egter volgens de ordre diende te geschieden, wij ter zitting van den 13 Augustus anno pasdato 9, arres„ teert hebben; om voortaan de Jaarlijkse monster rollen teegen de soldij boeken te laaten confronteeren, en daar van schriftelijk rap¬ hort te doen inleeveren, om daar op na bevinding gedisponeert te werden. Nog is bij ons gereflecteert, dat zom¬ men heeft gereflecteert dat weegen mige Gegageerdens gestorven zijnde, niet onmiddelyk ordonantees aan onmiddelijk ordinanties aan den Cassier de verstrekkinge te doen cesteeren wier den besorgt, om de maandelijkse ver„ strekkinge van desulke te doen cesseeren, waar door baatzugtige menschen de maan„ „delijkse verstrekkinge zouden kunnen ontfan„ gen, zonder dat men zulks vroeger zoude reflec¬ ken teeren. ringe te laten bekend stillen, scheenen zyn. door den doodgraver maandt lyx te laten opgeeven een lijst van alle overleedenes, Comps. dienaeren. dezelve blyft geconserveerd, door 't puijn en Hienen. aan de kaaij onder de purt Aroom„ teeren, als bij de Jaarlijkse monsteringe ond ultimo Junij, wanneer nog al onder voorgeeven van mits ziekte niet present te kunnen zijn, zul ook langer zoude konnen geschieden; en verm men van de zoldij bediendens vernam, dat zi nu en dan, maar niet altoos gewaarschouw worden, wanneer een gegagieerde overleeden is, en dus ook de opgaave op het secretari niet konden doen, en de secretarij bedienden zig excuseerden; dat zi geene opgaave van overlijden krijgende, ook geene ordonantie burg is geen reporatie gedaan. besluik bij 't rapoet van de monste konden vervaardigen tot het ophouden welke gegageerdens niet ver„der verstrekkinge; zoo hebben wij ter voort bij eenkomste van den 13 Augustus anno passato goedgevonden als een permanent ordre te stellen, dat bij de Jaarlijkse mom bij continuatie wapen van ringe, als een speciaal articul bij het na port van die Commissie, nominatim zúl len werden bekend gesteld, de geene die van de Gegagieerdens niet verscheenen zij ten eijnde men kan laaten onderzoeken of deselve ziek en effectief nog in leeven zijn, en wijders dat door den doodgraven van alle s. Comps dienaren, die ter aarde Fortificatien aangaande, moeten wij uw hoog Edelheedens ter kennis„ „se brengen, dat aan de kaaij onder de gordijn van de puntstroomburg al weder geene reparatie gedaan, en deselve met het lau¬ „ten werpen van stienen en puijn door de ordinaire Coelijs buijten eenige kosten als nog geconserveert blijft, en ongevoelig voorgrond wind; Schoon zig deser dagen aan een gedeelte daar van eenig afspoe„ „len begonte vertoonen, waar op men ten eersten met meerder magt ook nog meer puijn en steenen daar in heeft laten werpen, door de ketting gangers bij tijden dat deselve van ander werk konden werden gemist, op dat dusdaanig bestelt werden, telkens ten zoldij Comptoir, en ter secretarij de naam en de dag van hun overlijden zal werden opgegeven, mitsgaders van die opgaave alle drie maanden een Lijste aan den Eerstgeteekenden besorgt werden. bestelt derzy d De 87

NL-HaNA_1.04.02_3380_0095 view scan ↗

English

The ramparts and artillery are inspected every three months. With the making of gun carriages and wheels, one hopes to finish this year. In order not to let the work come to a standstill, one had to proceed to a second purchase of iron. Carpentry and repairs to the Hon. Company's buildings. A note of the repairs made to the Hon. Company's buildings is transmitted herewith. 20,000 lb of gunpowder was requested and received from Ceylon. The stock is approximately according to the regulation. The ramparts and artillery are inspected every three months. With the making of gun carriages and wheels, one hopes to finish this year. In order not to let the work come to a standstill, one had to proceed to a second purchase of iron. A note of the repairs made to the Hon. Company's buildings is transmitted herewith. 20,000 lb of gunpowder was requested and received from Ceylon. The stock is approximately according to the regulation. may be kept in good order as much as possible without any expense. Pursuant to Your Right Honourables' esteemed intention, the inspection of the ramparts and whatever further belongs to the artillery and ammunition is carried out every three months. With the making of gun carriages and wheels we hope to finish this year; during the last rainy season, the iron that had been purchased pursuant to the resolution of 30 March of the past year was exhausted again, so that for lack thereof the work had to come to a standstill, or we had to proceed to a further purchase; to which latter we proceeded at the meeting of 5 June following; in consideration of the fact that it would have been more disadvantageous to leave the craftsmen, who are permanently employed for that work, without work than to purchase the iron somewhat expensively, although it could not be obtained for less than 94 1/40 rupees the candil, for which reason we thus purchased a quantity of 8081 lb, in order to let the work make progress and to see an end to it at last. Still lacking somewhat of the quantity of gunpowder stipulated here, we requested 20,000 lb from the Ceylon Ministers during this open season, on the basis of Your Right Honourables' esteemed authorization, contained in the missive written to Malabar under date of 25 September 1771, which quantity was sent to us with the packet boat De Verwagting, and whereby our stock has again been brought approximately to the stipulated quantity. According to Your Right Honourables' esteemed order, there is transmitted herewith a specific note of the repairs made to the Hon. Company's buildings, showing how and for what amounts the contracting of the repairs took place, and in which there has also been brought into account that which was provided on the part of the Hon. Company for any work, in addition to the cash payment agreed upon at the contracting. The repairs that had to be done to the Hon. Company's buildings since the departure of our last year's general description of 1 May are the following: The stone repair has been made to the bridge of Calwetti. For how much said repair was contracted out. The roofs and guardhouses at the gates and on the ramparts have also been repaired. The same was completed, see the resolution of 13 August last. The walls of the armory and the equipment storehouse have also been repaired. For how much those repairs were contracted out. The bridge of Calwetti being heavily cracked here and there on the two stone wings, as appears from the report submitted thereof, inserted into the resolution of 5 June, we resolved on that day to have the remedy thereof carried out, which according to the said report could be done by driving piles all around, and laying beam anchors in the ground with beam keys through the wall, and this work was contracted out to the overseer of the shipyard Paulus Kip for 330 rupees, without anything being provided by the Company for that purpose, for which he, and no one else, was willing to undertake the completion, and which he also completed, as shown by our resolution of 13 August following, and the inspection report recorded there. The roofs and guardhouses at the gates and on the ramparts being very leaky at the slightest rain, and particularly the roof of the garrison's small armory above the Bay Gate being found in very poor condition, that work was contracted out to the carpenter Job Vijverberg for 250 rupees, to repair one after the other in good weather, guardhouse by guardhouse; which having been duly completed by him, as appears from the submitted report to be found in the resolution of 10 September, the agreed sum was paid to him. The walls of the armory and the adjacent equipment storehouse having the plaster fallen off in various places, and here and there with holes

Dutch transcription

828. dewallen en arthellerie werden alle drie maanden gevisiteert. met het aanmaken van afficten te krijgen. menkeoft om het werk mit te laten stel staan tot een tweeden inkoop van ijser moeten treeden. bepaaling. raties aan I. Comps. gebruwen komt over men heeft 20'000. lb kruit van ceelong, eischt en ontfangen. karij zoo veel moogelijk buijten eenige on„ kosten goedgehouden werde. Jngevolge uw hoog Edelheedens g'eerde intentie word op de wallen en't geen ver„ der tot de arthillerij en ammunitie gehoort, alle drie maanden de visitatie gedaan. Met het aanmaaken van affuijten en wielen hoopen wij dit Jaar nog klaar te en widlen hoopt men dit Jaar klaar koomen; in den Jongsten reegen tijd was 'tijzer, dat men volgens besluijt van den 30. Maart anno passato had ingekogt, weder opgeraakt, zoo dat het werk mits ge¬ brek van dien, moeste stil staan, of wij moesten tot een naderen inkoop over„ gaan; tot welk laatste wij ter zitting van den 5 Junij daar aan zijn getree¬ den; uijt aanmerkinge dat het na dee„ liger zoude zijn geweest, de ambagts lieden, die tot dat werk vast in dienst zijn, zonder werk te laaten als het ijzer wat duur in te koopen, schoon 't niet minder te bekoomen was, als voor 94 1/40. rop„ het candijl, waar voor Timmeragie & Repara¬ een notitie van de gedaane repaties, aan s: Comps gebouwen gedaan, komt volgens uw hoog Edelheedens g, eerde ordre hier neevens over eene specifig, notitie, aanwijzende hoedanig en voor wat bedragen de aanbestee¬ Duskruit, noch G wat ontbreekende, hebben wij in deese vaorbra¬ re tijd van de Ceilonse Ministers 29'000 lb verzogt, uijt hoofde van uw hoog Edelhee¬ „dens geEerde qualificatie, vervat bij Mitsi„ ve na Mallabaar geschreeven in dato 25. 7ber: 1771, welke quantiteit ons met 't de voorraadiscirea volgens de smalschip De verwagting toegezon„ den, en waar door onzen voorraad weder circa tot de bepaalde quanti„ teit gebragt is. Van de wij dus eene quantiteit van 8081. hebben inge„ kogt, om het werk zijn voortgang te doen hebben, en eens een eijnde, daar aan te zien Aan de alhier bepaalde quantiteit wij dinge H 89 ge reparatie geschied. Voor hoe veel gem: reparatie aanbesteld is. de muuren van de Wassenkomer en equipage huis zyn meede ge„ repareert. voor hoe veel die reparaties zijn aanbesteed. tenen op de wallen zijn ook ge„ repareert. deselve is volbragt, uide Ret: van den 13 Aug:s J=o leeden. dinge is geschied, en waar bij ook in reeken: is gebragt het geens, Comps weegen tot eenig werk verstrekt is, buijten de contante de„ taalinge bij aanbesteedinge bedongen. De Reparaties die t zeedert het af¬ gaan van onze voorleeden Jaarse gene¬ rale beschrijving van den Eersten Maij aan s. Comps gebouwen hebben moe„ ten gedaan worden, zijn de volgende: De brug van Calwettij aan de twee aande brug van Calwettij is een steene vleugels hier en daar zwaar gescheurd zijnde, blijkens het daar van ingekoomen raport, ter revolu¬ tie van den 5 Junij g, insereert, hebben wij ten dien daage beslooten, de verhel„ pinge daar van te laten doen, welke vol„ gen gem: raport geschieden kon, met rondsom paalen te heijen, en ankers van balken in de grond, met sleutels van balken door de muur heen te lig¬ gen, en dit werk aanbesteed, aan den opziender der scheepstimmerwerff Paulus Kip voor ropias 330; zonder dat daartoe iets van de Comp: wierd ver„ strekt, waar voor den zelven en ook niemand anders, de absolveeringe wilde aannee¬ men, en ook volbragt heeft, uijtwijzens ons besluit van den 13 Aug„s daar aan, en het raport van de bezigtiging aldaar ingeschreeven. De daaken en wachten bij de poorten de daaken en wagten by de voor, en op de wallen zeer lek bij de minste ree„ gen, en voornamentlijk het dak van het guarnizoens waapenkamertje booven de bhaaijpoort zeer slecht bevonden zijnde, heeft men dat werk aanbesteed aan den timmerman Job Vijverberg voor ropi„ as 250: om bij goed weer wagt voor wagt het een na het ander te verhelpen, 't welk denselven na behooren volbragt hebbende, blijkens het ingekomen rak„ port bij resolutie van den 10 7ber: te vin„ den, is aan hem de veraccordeerde somma voldaan. De muuren van de wapenkamer en het daar neevens staande Equipagie pak„ huis op verscheide plaatzen 't plijster werk afgevallen, en hiren daar met Strekp gaaten

NL-HaNA_1.04.02_3380_0097 view scan ↗

English

90 A new low boundary wall was made at the shed of the smithy, and a wooden bunk for the convicts. These repairs have been properly completed. The Resident undertook to build the paddy warehouse at Paponetty for 1200 rupees. The old warehouse having been demolished, and the new one found in good condition upon inspection, see the resolution of the 1st instant. Holes having been found, the plastering, filling of the holes, whitewashing of the same, as well as the making of a new low boundary wall and window frame at the shed of the smithy, along with a wooden bunk for the convicts, was entrusted to the overseer of the armory, Andries van Lijk, all contracted for what amount for the modest sum of 150 ropias, for which no one else was willing to undertake it, and which repair was nevertheless very necessary to prevent further decay and greater costs, which sum was paid to him, completed, see the resolution of 1 December last after he had completed the repair and construction, as appears from our resolution of 1 December anno passato and the incoming report recorded therein. The construction of a new paddy warehouse at Paponetty, according to our advices of last year and the resolution of 30 March 1772, was contracted for 1200 ropias, and with the addition of such materials as are noted there, but the preference having been given to the Resident Brickpot, he subsequently declared himself willing to have the projected warehouse built on those conditions, which has also already been completed by him, and the agreed 1200 ropias have been paid to him, after the warehouse was examined by the commissioners, the surveyor De Graaf, and the Cranganore and Chettua Residents Lucasz and De Riberto, and found to have walls of stone and lime, the remainder of good teak wood, and to have been built according to the specified dimensions; as can be seen in our resolution of the 1st instant, where the report of the commissioners is recorded. The Resident of Calicoilan requests that the old pepper warehouse may be demolished and the new one lined with planks. The Resident of Calicoilan, Gosenson, made a request to us by letter of 15 February anno passato that the master journeyman of the house carpenters might be sent thither to demolish the old warehouse and to line the rooms of the new warehouse, indicating that for this purpose the planks of the old one could partly be used. Surprise that the new warehouse was reported as completed and yet has not been lined with planks. The Resident gives as reason that the demolished warehouse at Peza was likewise not lined with planks. He thought that after drying out the warehouse, the pepper could be stored there. A carpenter was sent thither to report how many planks and joists would be needed for it, besides those from the old warehouse. Resolved to allow the lining to be done, for reasons as in the text. The costs, besides the old woodwork etc., are calculated at 230 to 240 ropias. We were surprised that the new warehouse had previously been reported as completed, and yet was not yet floored with planks, wherefore we, by letter of 27 March following, asked the Resident for the reasons thereof, and received as an answer from him that, since the warehouse demolished at Peza and transported to Calicoilan had not been floored with planks, the carpenters who supervised the work had not thought of the flooring and lining with planks, and he, the Resident, had been under the impression that after the warehouse had dried out, the pepper could be stored in it, but that, now that the old warehouse could no longer stand and the pepper had to be stored in the new one, he had to his regret found the contrary, had given notice thereof, and had made a request for the flooring and lining of the rooms. Hereupon a carpenter was sent thither to inspect and report how many planks and joists, besides the timber that could be used from the old warehouse, would still be needed for it, and what the work and the demolition of the old warehouse would cost. From his statement it appeared that, besides the old woodwork, 230 to 240 ropias would have to be spent on materials and wages, as can be seen from the statement inserted in our resolution of 5 June last, on which day we deliberated on the matter; and however strange it appeared to us to have to incur costs again on a new work reported as completed, we nevertheless decided to allow the lining and flooring of the rooms to be done, in consideration of the fact that the old warehouse could no longer stand, and the Resident Gosenson was apprehensive about storing pepper in the new warehouse on account of its dampness without it being clad with planks, as is the case everywhere here with the warehouses and sheds in which pepper is stored. 91

Dutch transcription

90 een nieuwring maartje a an't hok van de smitswinkel en een brets voor de bannelingen aan¬ gemaakt. die reparaties zyn behoorlyk vol„ Den Resident heeft aangenoo„ nettij voor 1200. reCas. Opte bousen. broeken, en het nieuwe met besigtiging wel bevonden, vide rls. van 1. Courant. gaaten bevonden zynde, heeft men het beplioteren, stoppen der gaaten, het witten derzelve, mitsgaders het maaken van een nieuw ring muurtje en cozijn aan het hok van de smitswinkel; beneevens een brits voor de bannelingen opgedraagen aan den opzien¬ dit alles voerhoe veel aanbesteed der der wapenkamer Andries van lijk voor een medioier Sommetje van 150 ro Cas„ waar voor 't anders niemand wilde aan„ neemen, en welke reparatie egter zeer noodzaakelijk was, ter voorkooming van verder verval en grooter kosten, wel„ ke somma aan denselven is afbetaalt, brugt vide Res: van 1 7bet: J:leeden na dat hij de reparatie en aanmaaking had volbragt, blijkens ons besluijt van den 1 xber: anno passato, en 't ingekoo„ men raport aldaar ingeschreeven Het opbouwen van een Nieuw nelij Pakhun te Paponetty, volgens min het nelij pakhuiste papo„ onze voorleeden jaarse Advijsen, en resolutie van den 30 Maart 1772, woor 1200 ropias, en onder toevoeging van zoodanige materialen, als daar aange¬ teekend staan, aangenoomen, dog den Resident Brickpot de praeferentie ge¬ laaten zynde; zoo heeft denselven zig ver„ volgens verklaart, op die conditien het ge¬ 't selve is bereeds voltooik en na projecteerde pakhuis te willen laaten opbouwen, het welk ook reeds door den zelven is volbragt, en de bedongen 1200 ropias zijn aan hem afbetaald, na dat het pakhuis door Gecommitteerdens, den Landmeeter de Graaf, de Cranganoorse en chettuase Resi„ denten Lucasz en de Riberto, is g'examineert en bevonden, de muuren van steen en kalk, en het verdere van goed lekke hout, en na de bepaalde maat opgebouwd te zijn; zoo als te zien is bij onze Resolutie van den 1: Courant„ alwaar het raport der Gecommitteerdens ingeschreeven staat. Den calicelause Resident versickt Den Calicoilans Resident Gosenson, dat het oude peper pakheues afge heeft bij brief van den 15 februarij anno pas„ planken mag beschoeijt werden. sato aan ons verzoek gedaan, dat den mis„ terknegt der huistimmerlieden derwaards mogt werden gezonden, om het oude pak¬ huis ofte breeken, en de kamers van het nieuwe pakhuis te beschoeijen, onder te ken„ nen geevinge, dat daartoe voor een gedeel¬ Resident te verwonderinge dat het nieuwe en niet beschoegk is geworden. deir resident geefft voor reeden dat het afgebrooken pakhuis te Peza meede niet beschoeijd is geweest gen van 't pakhuis de peper daar en konde geborgen werden. men heeft een timmerman derwaards gesonden, om op te geeven, hoe veel planken en hebben deselve buiten die van't geschieden voor reeden als in den text. de ovkosten werden beeiten de oude houtwerken enz: op 230. â 240 r„o/as gecalculeert. te de planken van het oude konden werden g'emploijeert; wij waaren verwondert dat 't pakhuis voor volt goit ongegeven nieuwe pakhuis bevoorens voor voltooid opgegeven, en egter nog niet bevloert was, waarom wij bij brief van den 27. maart daar aan, den Resident daar van de reedenen heb¬ ben afgevraagt, en van denzelven tot antwoord bekoomen, dat vermits het te Peza afgebroo„ ken en na Calicoilan vervoerde pakhuis, niet met planken bevloerd was geweest, de timmerlieden die het opzigt over het hij vermeende dat na't uitdroo„ werk gehad hebben, aan het bevloeren, en beschoeijen niet hadden gedagt, en hij Re¬ sident in verbeelding was geweest, dat na 't uijtdroogen van 't pakhuis de peper daar in geborgen zoude kunnen werden, dog dat hij, nu het oude pakhuis niet langer konde staan, en de peper in het nieuwe geborgen moest worden, tot zijn leetwee„ dig heeft 't contrarie ondrvond zen 't contrarie bevonden, daar van kennis„ se gegeeven en verzoek gedaan had, tot het bevloeren en beschoeijen der hamers; men heeft hier op een timmerman oude pakheuir zouden noodig derwaards gezonden, om na te gaan en op te geeven hoe veel planken en ribben buijten de houtwerken, die van het oude pakhuijs gebruikt konden werden, nog daar toe noo¬ dig zouden zijn, en wat het werk en het afbree¬ hen van 't oude pakhuis zoude komen te staan; uijt de opgaave van denzelven kwam te blijken, dat daar aan buijten de oude hout„ werken aan materialen en arbeidsloonen moest werden ten koste gelegt ropias 230. â 240., zoo als te zien is bij de opgaave, g,inse„ reert in onze resolutie van den 5 Junij J„o „leeden, ten welken daage wij daar over heb„ „ben gebesoigneert, en hoe vreemd het ons ook voorkwam, aan een nieuw voor voltooid opgegeven werk weder kosten te moeten besluit de beschoeijing te laten doen, egter beslooten de beschoeijinge en bevloeringe der kamers te laten geschieden; uijt aanmerkinge dat het viede pakhuijs niet langer konstaan, en den resident Gosenson beschroomd was, peper in het nieuwe pakhuis, mits deszelfs vogtigheid, te bergen; zonder dat het met planken bekleed was, gelijk als hier over al de pak„ huizen en hokken, waar in peper opgelegt op word zijn. 91

NL-HaNA_1.04.02_3380_0099 view scan ↗

English

92 This work has been completed and has cost 203 5/8 ropias. The repairs to the roofs of the hospital and blacksmith shop were properly executed. The gifts amount to less than in the past year. How much they have cost. The repairs at Cranganoor and Chettua have also been completed, see reports in the aforementioned resolution. The reports of the inspection are to be found in the Resolution of 5 June of the past year. were to be provided with wooden floors and wainscoting against the walls, because otherwise one would have had to repair the old warehouse again, and spend as much or more on it, or run the risk that the pepper would spoil due to the damp walls. We therefore immediately had the materials sent there and had the work taken in hand, which was also completed within a short time, and in total cost 203 5/8 ropias, in which warehouse nothing is now lacking, and therefore nothing will need to be done for a long time. In our general missive of last year, we brought to the knowledge of Your Right Excellencies that the repairs to the roof of the hospital, as well as to the rafters and roof of the blacksmith shop, were contracted and taken in hand. Following upon which, we note here that these repairs were properly completed before the onset of the bad monsoon of the past year, as was shown upon inspection by appointed Commissioners, whose reports are recorded in our Resolution of 5 June of the past year, and upon which payment was made. Likewise, the repairs taken in hand at Chettua and Cranganoor, according to what was noted in our aforementioned general missive, were also finished before the rainy season, and the reports of their proper completion were received, to be found in our decision of 5 June of the past year, when we granted authorization to the Residents at Cranganoor and Chettua to draw from the treasury the sums of 400 at Cranganoor and 1000 ropias at Chettua. Gifts since 1 May of the past year to the date of this letter have been made to the amount of f 7:1:8 purchase value and f 82:12:- selling value, and thus f 110:6:- in purchase value and f 59:16:- in selling value less than in the past year. 43 7 lb. Mace, namely: 4 lb. to the Chief Pepper Supplier 1 lb. to the First Clerk 2 lb. to the Second ditto 7 lb. Cloves as above: f 2:7:- purchase value, f 29:8:- selling value. 7 lb. Nutmegs: f 1:3:8 purchase value, f 16:16:- selling value. 7 lb. Mace cost: f 3:10:8 purchase value, f 36:8:- selling value. Total: f 7:1:- purchase value, f 82:12:- selling value. Given in the past year: f 117:7:- purchase value, f 142:8:- selling value. Thus less: f 110:6:- purchase value, f 59:16:- selling value. To the envoy of the king of Travancore arrived for the closing of the account. The stock of cash is greater than the expenses require. Although two bills from Ceylon have been paid. The public is now accommodated with that coin. Notice has already been given of the arrival and departure of the Barbara Theodora. The surplus cash will be sent to Ceylon. Our stock of cash being currently larger than is required for paying for the delivered pepper and other goods and for meeting the necessary expenditures, although we have already paid two bills drawn upon us from Ceylon, one to the English captain Patullo amounting to f 16246:6:8 and one to the second Willem Jacob van de Graaff of f 4800:-:- Dutch currency, we shall, in compliance with the order of Your Right Excellencies contained in the honored Missive written to Malabar under date of 26 September 1768, send to Ceylon a further sum of f 100000, if not f 200000, of which the Ceylon Ministers have already been notified. The account requested by Your Right Excellencies of the bazarucos cast according to our decision of 30 March of last spring is enclosed herewith, from which it is evident that after deduction of charges a profit was made of 36 5/6, the public being now sufficiently accommodated with that small coin, as they circulate at the fixed rate of 64 per fanam. The item of Ships and vessels will not take up a large entry in this description at present, as the arrival and departure of the ships the Barbara Theodora and Woestduyn has already been made known to Your Right Excellencies in

Dutch transcription

92 dit werk is g, absolveert en heeft gekost ropias 203. 5/8 hot hospital en smits winkel zijn behoorlyk geschied. De geschenken bedraagen mit den als Anno patrato. hoevel deselve hebben gekost De reparaties te Cranganoer & Chittua zyn meede volbragt vide raportien in voorsz. resolutie. de raporteer vande besigtiging zyn te vinden in d' Res: van den 5 Junij A„o pass: word, met houtte vloeren en beschuttingen teegende muuren voorzien zijn; dewijl men anders nog al weder het oude pakhuis zoude hebben moeten laaten repareeren, en daar aan zoo veel of te meer ten kosten leggen, of ook gevaar loopen moest, dat de peper door de vogtige muuren bederf onderging; wij hebben dus ten eersten de materialen der„ waards laaten besorgen, en het werk onder handen doen neemen, het geen ook binnen korten is g'absolveert, en in alles gekost heeft ropias 203. 5/8. ;, aan welk pak¬ hu is nu ook niets manqueert, en dus ook in lange niets behoeft gedaan te worden. Bij onze voorleeden jaarse generale Mis¬ de reparaties aan de daken van sive, hebben wij uw hoog Edelheedens ter kennisse gebragt dat de reparaties Aan het dak van het hospitaal, als meede aan 't span en dak van de smits winkel aanbesleeden onder handen waa„ ren genoomen, ten vervolge van 't welk wij hier noteeren, dat deese reparaties voor het inbreeken der gepasseerde quaade Geschenken zijn t' zeedert den 1. maij anno passato, tot dato deezes gedaan tot ƒ 7: 1:8 t/ en ƒ 82:12:—. uijtkoops, en dus ƒ 110. 6. - in en ƒ59. 16. –. uijtkoops min„ mousdon, behoorlijk zijn vervaardigt, zoo als gebleeken is bij bezigtiging van expresse Gecommitteerdens, welkers raporten in onze Resolutie van den 5 Junij anno passa„ to ingeschreeven staan, en waar op de afbetaalinge is gedaan. Insgelijks ook zijn de onder handen ge¬ noomene reparaties te Chettua en Cranga¬ noor, volgens het genoteerde bij voorsz: onze generale missive, ook nog voor den reegen tijd klaar geraakt, en van dies be¬ hoorlijke absolveeringe de raporten inge„ koomen, te vinden in ons besluit van den 5 Junij anno pastato, wanneer wij de Residenten te Cranginoor en Chettur qualificatie hebben verleend, om de som„ mas van 400 te Cranganoor, en 1000 ropi„ „rs te Chettua, uijt Cassa te moogen genier„ ten mousson der 43 7. –. lb. Foelij ofte Macis, als: ter als de uitgaaven vereisschen. lon heeft voldaan. de gemeente is thans met die munt gerieft. van de komst en vertrek van de barbara Theodera is bereeds ken„ nis gegeeven. men zal de overvloedige contanten na Ceilon zenden. Aan den zendeling van den koning van Trevancoor tot sluyten der reekening aangekoomen. 2. -. „. 7. —. lb. garioffel Nagulen als ieven. . . . . . . . . . „ 2. 7. –. „ 29. 8. -. 7. –. „. Nooten Mussehaaten. . . . . . . . . . . . . . . . . „ 1. 3. 8. „ 16. 16. —. Somma. . . ƒ 7. 1. —. ƒ 82. 12. —. In Anno passato verschonken. . . . . . . . „ 117. 7. –. „ 142. 8. -. Dus minder. . . . . . ƒ 110. 6. —. ƒ 59. 16. —. 7. -. lb. foelij kosten. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ƒ 3. 10. 8. ƒ 36. 8. —. Ooszen voorraad van Contanten thans grooter zijnde, als tot 't afbetaalen van de geleeverd de voorraad van contanten is groo„ werdende peper en wesmeer, en 't doen van de noodige guastus vereischt, schoon wy reeds twee van Ceijlon op ons getrokken wissels schoon men twee wissels van Cein hebben afbetaald, een aan den Engelsche capitain Putullo groot ƒ16246: 6:8. en een aan den secunde Willem Jacob van de Graaff met ƒ4800 -. - Nederlands, zullen wij 4. –. lb. aan den Hoofd peper Leverancier 1. „. Eersten schrijver. „. „. Tweede d:o der als anno passato; te weeten Uitkoops. Inkoops in opvolging van uw hoog Edelheedens ordre vervat bij geherde Missive na Mallabaar geschreeven in dato 26. 7ber: 1768. nog een somma van ƒ 106000. zoo niet ƒ 200000. . na Ceij„ lon verzenden, waar van aan de Ceijlonse Ministers reeds kennisse gegeven is. De door uw hoog Edelheedens gerequi¬ de reet van de baseroeken komtover reerde reek: van de volgens ons voorjaarig be„ sluijt van 30 Maart gegootene Hazeroeken, legt hier neevens, waar bij consteert dat na aftrek van ongelden daar op gewonnen is 36 5/6 zijnde de gemeente nu genoegzaam gerieft van die kleine munt, alzoo deselve voor de bepaalde 64. pir fan:s roulleeren: Het articul van Scheepen & vaartuigen zal thans geen groote post in deeze beschrij¬ vinge beslaan, alzoo het arrivement en vertrek van de scheepen. De Barbara Theodora, en Woestduijn, uw hoog Edelheed„s in bij 1. -. „.

NL-HaNA_1.04.02_3380_0101 view scan ↗

English

The narrow-ship De Verwagting has made three voyages to Ceilon. The repairs to that vessel are to be found in the resolution of the 1st of this month, detailing how much it cost. Regarding the goods left behind at Goa, a letter was written to Goa, to which an answer is awaited. The narrow-ship De Jonge Susanna was sold at public auction for 2,575 rupees. As was already communicated in our precursor of 18 December of last year, we therefore only need to mention the narrow-ship belonging here, De Verwagting, which during this navigable season has made three voyages to Ceijlon to transport pepper, bullock hides, and cardamom, as well as our Patria papers, and may possibly make one more short trip. Of the repairs to the aforesaid narrow-ship and lesser vessels, as also of the provisions supplied to the same according to the established regulations, the specification is to be found with our resolution of the 1st instant, by which it appears that everything together cost merely 2532:9:— guilders, and thus in comparison to previous years only a small sum; although the narrow-ship De Verwagting required an entirely new mast and cross-trees, as well as a galley and other repairs; as appears from our resolution of 13 August last, where the report of those defects is recorded. Concerning the goods of the wrecked ship De Getrouwigheid left behind at Goa, a letter was recently dispatched to the gentleman Don Lopo Joseph de Almeida Pimentel, requesting him to inform us whether he has received instructions from his principal, Mr. Landerzee, and will obtain satisfaction, or how the matter actually stands; to which we are still awaiting the answer. Pursuant to the authorization received from Your High Excellencies, the narrow-ship De Jonge Susanna was sold at public auction. We previously removed and retained for the service of the Company the ammunition and artillery, as well as some other goods, specified in our resolution of 16 December. The vessel nevertheless yielded a sum of 2,575 rupees, as shown by our Resolution of the 1st instant. Concerning the domestic administration: It was considered that the provisions in the domestic administration were made irregularly. These were examined over several years combined, and regulations were formed thereafter, establishing a fixed arrangement. With this, much clerical work was saved. Each person testified that they could manage with it. The regulations were first sent to the outer offices and to the administrators, to declare themselves thereupon. Proceeding, we bring to the knowledge of Your High Excellencies that it was reflected upon by us that here most distributions of writing materials, oil, wax candles, and other daily necessities, as also the booking in the specifications of the lower administrators of the warehouse, dispensary, equipage, artillery, shipyard, armory, smithy, etc., were done arbitrarily, or at least irregularly and unequally to one another, and sometimes in such a manner that one could hardly make sense of it unless one continually examined everything with the utmost attention and as with eagle eyes. For that reason, several years were examined across one another to see what was successively accounted for one thing and another, and at the same time inquired into what, on the one hand, could effectively be managed with, and on the other hand, could effectively not be managed without; and thereafter regulations were formed whereby a fixed arrangement was made for all, or at least for most things in the domestic administration, both here and at the outer offices. According to this, everything shall henceforth be supplied and accounted for, and also at the same time to save much clerical work and needless accounting in the books, no goods in kind that are daily obtainable here were set down therein, but cash was fixed for them instead, in order to cease all wondrous and mysterious manners of entry in the specifications, such as of olas, bamboos, coir rope, earthen baskets, and various other articles in the preparation of necessities. These regulations were first sent and handed over to the outer offices and to the lower administrators here, to each as far as his department is concerned, to declare themselves and candidly state whether there might indeed still be something to bargain down on one thing or another, or whether here or there an article was set too strictly; but in both cases to supply sufficient reasons. And since virtually everyone testified that with good management everything could be handled with that, outside

Dutch transcription

het smalschip de verwagting heeft drie reijzen na Ceilon gedaan. de reparaties aan dat vaartuig zijnte vinden in de ret: van den 1. deeser. hoe veel deselve gekost heeft. waar op het antwoord werd fwagt. men heeft aangaande de agtergeblee„ na Goageschreeven. het Smalschip de Jonge Susanna bias 2575. bij onzen voorlooper van den 18 xber: anno pas¬ sato reeds is bedeelt, en wij dus maar eenelijk behoeven te gewaagen van het hier te huijs hoorende Smalschip dem deezen vaarbaaren tijd drie reij¬ zen na Ceijlon heeft gedaan, ten overbreng van peper, hoekhuijden, en cardamom¬ mitsgaders van onze Patriase papie„ ren, en zal moogelijk nog een togtje doen. Van de reparaties aan het voorsz: smalschip ende mindere vaartuigen, als ook van de verstrekkinge aan deselve volgens de gemaakte bepaalingen gedaan, is de specificatie te vinden bij ons besluijt van den 1. Courant, waar bij consteert dat alles te zaamen eenelijk gekost heeft ƒ 2532:9:—. en dus bij vergelijk van voorige Jaaren maar een geringe somma; schoon 't Smalschip de verwagting een geheele nieuw mast, en za¬ ling, mitsgaders combuijs en andere reparaties heeft vereischt; zoo als blijkt bij om besluit van den 13 Augh:s J„oleeden, UlE: alwaar 't raport van die manquementen ingeschreeven staat. Betreffende de te Goa agter gebleevene ven goederen van de getrouwigheid goederen van het verongelukte schip De Getrouwigheid heeft men jongst aan den heer Don Lopo Joseph de Almeida Pimentel een brief laaten afgaan en verzogt ons te be¬ deelen of hij aanschrijvens bekoomen heeft van zyn principaal de heer Landerzee en voldoeninge zal erlangen, dan wel hoe het eijgentlijk daar meede geleegen is; waar op wij het antwoord nog verwag„ tende zijn. De Jonge Susanna is op ontfangene qualificatie van uw hoog Edelheed„s daar van geligt en ten dienste van de Comp: aan¬ gehouden de ammunitie en Arthillerij, mits„ gaders eenige andere goederen, gespecificeert bij ons besluit van den 16 xber: het zelve heeft echter nog gerendeert eene somma van ro„ pias 2575, uijtwijzens onze Resolutie van den 1 Courant De verwagting, welke bo„ n per vendutie verkogt voor ro„ bij publiq vendutie verkogt, wij hebben voor af Het Smalschip Stel 95 men heeft gereflecteert dat de verstrek gedaan wierden. men heeft zulx eenige Jaaren door elkander nagegaan. „ en een vaste schikking gemaakt. een ieder betuigds dat het daar meede te stellen was. om zig daar op te declereeren. dig reglementen zijn eerst na de buiten comptoiren gesonden, en kingen in de huishouding inregulier gaande, brengen wij ter kennis van uw hoog Edelheedens, dat bij ons gereflecteert is, dat hier gewonnen werd. de moeste verstrekkingen van schrijf gereed„ schappen, olij, waxckaarssen, en verdere dagelijkse benoodigtheeden, zoo meede dat ook 't opbrengen bij de specificalies der mindere Ad„ ministrateurs zoo van het pakhuis, dis„ pens, equipage, arthillerij, Timmerwerff, wapenkamer, smitswinkel etx willekeurig ten mintsten irregulier en ongelijk aan elkanderen gedaan wierden, en zomtijds zoodanig, dat men 'er bijna niet wijs uijt worden kon indien men niet bij continua„ tie met de uijtertste attentie en als met arends oogen alles nagaat; men heeft dier„ halven eenige Jaaren door elkander nagegaan wat successive tot 't een en ander opgebragt is, en zig teffens g'informeert, waar meede het aan de eene zijde effectief al, en aan de in daar na reglementen geformeert andere zyde weder effectief niet te stellen was, en daar na reglementen geformeert waarbij op alle, ten minsten op de meeste dingen inde huwhoudinge, zoo hier als op de De Huishoudinge aan buijten comptoiren een vaste schikkinge is gemaakt, Waar meede veel schrijfwerk uit, waar na voortaan alles verstrekt en opgebragt zal werden, en ook teffens tot uitwinninge van veel schrijfwerk, en noodelooze reekeningen bij de boeken, daar bij geen goederen in natuur die hier dagelijks te bekoomen zijn, maar contant daar voor bepaalt, om te doen cersee¬ ren alle wonderlijke en misterieuse manier van opbrengen bij de specificaties, als van olassen, bamboesen, caijerdraat; aardmand„ jes en verscheide andere articulen bij het ook aan de administrateur vroond. aanmaaken van benoodigtheeden; welke reglementen men eerst na de buiten Comp„ toiren, en aan de mindere administrateurs alhier, een ieder voor zoo verre zyn de parte¬ mint aangaat, toegeschikt en ter hand gesteld heeft, om zig te declareeren en voor de vrust weg op te geeven, ofer ook op het een of ander in der daad nog niet iets afte dingen zoude zijn, dan wel of hier of daar een articul al te naauw bepaald was; dog in beide gevallen genoeg doende reeden te suppediteeren, en dewijl genoegsaam ieder een betuigde, dat alles bij goed overleg daar meede te stellen bugten was

NL-HaNA_1.04.02_3380_0103 view scan ↗

English

96 established, see Resolution of 16 December, page 137. gained for the Company. granted annually to the hospital for medications. by that, Netherlands money was properly to be understood. Account of some thefts. thefts occurred. in the regulation it was written by mistake f 200 Indian, which error was rectified, see Resolution of 1 December, page 119. and therefore, as those regulations were, we resolved on 16 September of the past year to recommend these regulations to the servants for observance, and to insert that resolution and have an extract thereof delivered to the Head Administrator to make use of when examining the specification accounts; by which Regulation, in comparison with previous years, a great deal has been gained for the Company, which will be best seen at the closing of the books for this financial year. To the Chief Surgeon of the Company's hospital here, according to the note in our general rescription of last year, granted both for the Garrison and the town being f 1200, namely f 200 in cash and f 400 for medications for a full year on the basis that the medicines supplied to him previously had come to stand at f 800 on average from one year to another; by which Netherlands money was properly to be understood, as the medications supplied in the last five years before the introduction of the Netherlands money had cost on average from one year to another over f 1100 Indian; and whereas in the aforementioned Regulation adopted for the hospital, it was written by mistake f 200 Indian, we, as soon as that error was noticed, declared in our session of 1 December following and kept record that those f 200 are not Indian but Netherlands money. In the month of August last, multiple thefts occurred here, as a result of which one heard daily nothing but complaints, at one time that the fruits were stolen from the trees in the gardens, at another that the fences of the gardens and the young coconut trees were torn out and others damaged, and also that houses were broken open by force, and people forced to point out the little they had, which acts of mischief and thefts even increased to such an extent that they roamed about in bands and more or less armed, and even close to the town at night committed public violence in the house of a Christian, took everything away, and furthermore severely mistreated the victim of the theft; which far-reaching evil deeds we deemed necessary to counter, and for which reason we approved in our meeting of 13 August of the past year to have published everywhere in the country that watch should be kept for these evildoers, and they consequently had to beware of all such movements that in any way resembled such actions or marauding wandering, or that if they were found as such anywhere, they might be freely seized by the inhabitants and by us without further formalities be de facto chained in irons here. To counter these, a resolution was taken to publish, to have the thieves seized by inhabitants. riveted in irons without form of trial. some have been seized and riveted in irons. since then so many complaints are no longer heard. And whereas these mischievous fellows, despite this warning, still continued with robbing and fencing, several were also seized by the inhabitants, brought up, and riveted in irons here, whereupon the remainder, seeing that the matter was being dealt with in earnest, made themselves scarce, or at least kept quiet, so that at present so many complaints on that account are not heard. The correspondence has been maintained. The correspondence between this and the other Western offices has been maintained with all precision. The Honorable Governor Falck having made a request by separate letters, giving to know that they on the island were in want of wheat, to be supplied therewith from here, or else that in case of lack we would order 70 lasts thereof from Surat, such an order was immediately sent off under our covering letters, in triplicate on various occasions, but the Head Administrator was nevertheless also authorized to see to purchasing one to two hundred bags here, in which he indeed succeeded, and through which we have been able to supply Ceylon as quickly as possible with 21355 lb of wheat, wherewith we are all the more satisfied because we have not yet received an answer to the order placed. The Honorable Governor of Ceylon, Falck, made a request for wheat. that order was sent to Surat, and yet the Head Administrator was authorized to purchase 1 to 200 bags of those grains. Ceylon was supplied with 21355 lb. 97

Dutch transcription

96 vast gesteld vide Res: van 16. xber: p„a 137. Comp uitgewonnen. „'t hospotal jaarlijx voor medica„ menten toegelegt. daer door moest eigentlijk Neder lends geld verstaan werden. Verhaal van eenige dieverijen dieverijen gerteert. bij 't reglement is bij vergissing abuis geredremert is, vide ret: en daarom werden die reglementen was, zoo hebben wij den 16 7ber: anno passato, g,arresteert deeze reglementen den bedien¬ dens ter observantie aan te beveelen, en dezel¬ extract te laten afgeeven aan den Hoofdad „ van den 1: xber: p a119„ ministrateur om zig bij het examineeren der specificatie reekenings daar van te kunnen dienen; bij welk Reglement in vergelijk van de voorige Jaaren al vrij veel voor de Comp: uitgewonnen is, het geen bij het sluiten der boeken van dit boekjaar best te zien zal zijn. Aan den Oppermeester van s, Comps. ƒ1200. aan den oppermester van hospetaal alhier, volgens 't genoteerde bij onze voorleeden Jaarsz generale rescriptie zoo voor 't Guarnisoen als de stad toegelegt zynde ƒ 200. —. in contant en ƒ400 -. aan medi„ camenten voor een rond jaar op sunda„ mert, dat de aan hem verstrekte medi¬ cijnen bevoorens ƒ 800. -. het eene Jaar door 't ander zijn te staan gekoomen; waar door eigentlijk Nederlands geld moest werden verstaan, als hebbende de ver„ strekte medicamenten in de laatste vijf bij die reglementen is vael voor de ve in dat besluit te invereeren, en daar van geschreeven ƒ200. Jndias, wel 2 Jaaren voor de introductie van 't NeederLands geld het eene Jaar door het ander gereekend ruim ƒ 1100. – . indiasch gekost; en dewijl bij het voorschreeven Reglement voor 't hospitaal g,arresteert, bij vergissing geschreeven is, ƒ200: — indias, zoo hebben wij zoo dra dat abuis ontwaart was, in onze zitting van den 1 xber: daar aan, verklaart en aanteeke¬ ninge gehouden dat die ƒ 200. —. geen Jndias maar Nederlands geld zijn Jn de maand Augustus Jongstleeden, ex¬ en de maand Aug„s pap„o zyn veele teerden alhier meenigvuldige dieverijen, waar door men daagelijks niet als klagten hoorde, dan eens dat de vrugten van de boomen uijt de Thuinen gestoolen, dan eens dat de heiningen van de Thuijnen ende Jonge klapper boomen waaren uijtgerukt en andere geschonden, als ook dat de huijzen met geweld wierden oopen gebrooken, en de menschen genoodzaakt het weinige datze hadden aante wijzen, wel„ ke baldaadigheeden en dieverijen zelfs zoo¬ danig toenaamen, dat ze bij troupen en min„ of meer gewaapend rond zwerfden, en zelfs digt bij de stad des nagts in het huijs van Jaaren een om welke teegente gaan heeft men fliceeren, die dieven door inwoon„ ders te laaten opvatten. form van proces in de ketting geklonken. daar zijn eenige opgevaken in de ketting geklouken. men vermund zeedert soo veele klagten niet meer. van die graanen. gequalificeert tot den inkoop van 1: a 200 sakken. De Edele Heer Ceilons Gouverneur Falck heeft versoek gedaan om tarwe. De conrespondentie werd onder„ een Christen publiq geweld geweffend, all waker in een besluit genoomen om te pu, was meede genoomen, en den bestoolenen nog zeer mishandelt hadden; welke verre gaande quaade bedrijven wij vermeenden te moeten teegengaan, en waarom wij in onze bij een„ komst van den 13 aug:s anno passato goedge„ vonden hebben, alomme in het landte laa„ ten publiceeren, dat men op deese quaad doenders zoude laaten passen, en ze zich derhalven te wagten hadden voor alle zulke mouvementen, die maar eenigzints naar en de agterhaalent werden, zonder diergelijke bedrijven of marodeeren zwer ven, of dat ze zoodanig ergens gevonden wer gezonden. dende; door de bewoonders vrijelijk zouden moogen opgevat, en door ons zonder verdere omstandigheeden hier de facto in de ketting geklonken werden: En dewijl deese baldaadige knaapen, op deeze en egter den Hoofdadministrateur waarschouwing nog met rooven en Heelen vaon gingen, zijn ook verscheide door de inwoonders gevat, opgebragt en hier inde ketting geklon Cilon is gerieft met 21355 lb. ken, waar op de overige ziende, dat men de zaak met ernst behandelde, zig te zoek hebben gemaakt, of ten mintsten zig stil De correspondentien tusschen dit en de verdere Westersche comp¬ toiren zijn met alle preciesheid onderhouden, den WelEdelen heer Gouverneur Falik bij aparte letteren onder te kennen geevinge dat men daar ten eijlands verleegen was om tarw, verzoek gedaan hebbende, daar meede van hier te moogen werden gerieft menhift dien eisch na Souratte dan wel dat wij bij ontsenten is 70: lasten daar van van Souratte wilden eisschen, heeft men ten eersten zoodanigen eisch onder onze geleide letteren, drievoudig bij diverse gelegentheeden laaten afgaan, dog ook egter den Hoofd administrateur gequalificeert, om een & twee hondert zakken hier te zien in te koopen, waar in hij ook wel is geslaagt, en waar door wij instaat geweest zijn, Ceijlonten spoedig„ sten te gerieven met 21355 lb. tarn, waar over wij te meer voldaan zijn, om dat wij nog geen antwoord op den gedaanen houden, alzoo thans zoo veele klagten derwee¬ gens piet werden vernoomen. houden eisch houden. 97

NL-HaNA_1.04.02_3380_0105 view scan ↗

English

The Ceylon ministers demand 4000 lb. of nails and a good quantity of Japanese bar copper. The former was sent, but the latter was not, owing to a lack of supply. The Nagapatnam ministers give notice that a vessel has arrived with a pass signed by the Honorable Mr. Senff. It is not the custom here to prepare passes in advance in stock. Untimely prepared passes give rise to great disputes. They request this to be provided against. We have received a requisition for wheat from Surat. The Ceylon ministers, by letters of 8 November of last year and 9 January of this year, have also requested from us 4000 lb. of nails and a good quantity of Japanese bar copper. However, because the latter was already completely sold out, and we ourselves could have disposed of more with eager demand had we been provided with more, we were therefore unable to accommodate them with that, and only with the nails, of which we have sent them 4081 lb. in 41 chests. The Nagapatnam ministers have informed us by missive of 15 January 1772 that in the month of October prior, a vessel from this Commandment belonging to the Moor Coenje Agama doe Pulle, inhabitant at Proviaar, arrived there provided with a pass dated 6 December 1771 in the name and under the signature of the late Honorable Christiaan Lodewijk Senff, former Governor and Director of this Coast, which pass was issued from here on 6 December 1771. They sent along that pass and expressed their apprehension that the issuance of such passes prepared prematurely or untimely (since this one was issued not only long after the departure from here of the Right Honorable Mr. Senff, Governor-General, but even after His Honor's decease) might sometimes give great cause for disputes, both with the native rulers and others through whose territory or fairway a vessel provided with such a pass must travel, and that such passes might be denounced as false. For this reason, those ministers rightly requested that this be provided against for the future and that the practice of preparing passes beforehand be abolished. Regarding this matter, we must bring to Your High Excellencies' notice that, although it is indeed not the custom here in Cochin to prepare passes in stock in advance, it is customary here to send written and signed passports, with the vessel's cargo and the owner's name left blank, to Coilan and Porca to be issued there to the bark owners. However, signed passports must still be sent to Coilan and Porca for the convenience of the bark owners. One should adhere to that method. The said pass was issued by Chief Rosier. An order has been established to return the signed passes upon the departure or death of a commander, in order to send others in their place. A Portuguese governor is expected to arrive at Goa. No salute is given any longer to foreign private ships, of which the ministers have been informed. This practice was introduced here because it is too difficult for the bark owners on that side to obtain passes from Cochin, and unable to get them at Coilan and Porca, they would go search among our competitors. We believe we can adhere to this method provided no misuse is made of it through ignorance, as happened regarding the aforesaid pass, which was handed out at Coilan by Chief Rosier from those sent to him signed during the previous administration. In our meeting on 5 June of last year, in order to prevent such irregularities in the future, we established as a standing order that the Coilan officials and the Porca Resident, henceforth upon the departure or death of the person who held authority here, shall immediately send back to Cochin the passes that might still be signed by him and remaining in their possession, and request others signed by the incoming commander in their place. This order has been communicated to the officials in Coilan and Porca, and notice of the matter has likewise been given to the Coromandel ministers. Concerning foreign nations, we note that pursuant to Your High Excellencies' esteemed order, contained in the extract of the General Resolution of the Castle of Batavia adopted in the Council of India on 24 August of last year, no salute is now given to private foreign ships, nor is one expected from them, which has been announced on all occasions to the commanders of those ships and vessels. And with respect to the Portuguese, that a Governor of that nation is expected to arrive at Goa in place of the one who previously died during his voyage.

Dutch transcription

98 de Ceilonse Ministers eisschen thij Japars Staaf koper. het eerste werd gesonden, dog het laatste niet bij gebrek. De Nagapatnams- Ministers geven te kennen dat een vaartuig g' arriveert met een pase door de Edele Heer Pensz. hier is geen gebruik pasan in voorraad in gereedheid te breng:n. in te willen voortien: onlydig in gereedheid gebragte pascer, aanlieding geeven tot groote dispuiten. eisch van tarw uijt souratte hebben ontfangen. De Cerlonse Ministers hebben ook bij brie¬ 4000 lb. nagulen en een goede par„ven van den 8. 9ber: anno passate, en 9. Janua„ rij deezes Jaars van ons versogt 4000 lb Na¬ gulen en een goede parthij Japans staat koper; dog dewijl 't laatste bereedsten eenemaal uijt verkogt was, en wijzelfs mar„ der greetig van de hand hadden kunnen zetten, zoo wij van meerder waaren voor¬ zien geweest, zoo hebben wij deselve daar meede niet, en alleen met de nagulen kunnen gerieven, waar van wij deselve in 41 kisten 4081. lb hebben toegezonden. De Nagapatnamse Ministers heb„ ben ons bij missive van den 15 Januarij van hier den 6: xber: 1771. daar is 1772 te kennen gegeeven, dat in de maand October bevoorens een vaartuig uijt dit Commandement toebehoorende den moor Coenje Agama doe Pulle, inwoon„ der te Proviaar aldaar was aangekoo¬ min, verzien van een pasc onder dato 6. xber: 1771. op de naam en onder de handteekening van wijlen den Edelen hier gewesen Gouverneur & Directeur deser Custe¬ Christiaan Lodewijk Sensl bedugten dat diergelijke te vroeg verleend, onder toezending van die pasc en betur„ ging van hunne bedugting, dat het afgeeven van diergelijke vroeg of ontijdig in gereedheid gebragte pascen (: als zijnde deeze niet alleen lange na't vertrek van hier van den WelEdelen Heer Serff G: G: maar zelfs na zijn Edeles overlijden verleend :/ z omtijds groote reedenen tot dispuijten zouden konnen geeven zoo met de Landregenten als anderen, door wiens gebied of vaar¬ water, een met zoodanigen pasc verzien vaartuig passeeren moet, en zoodanige de Ministers versoeken daar paso als valsch worden uijtgekreeten; waarom die ministers te regt verzogten, daar in voor 't vervolgte willen voorzien en de gewoonte van pascen voor af in ge„ reedheid te brengen te doen afschaffen, ten welken belange wij uw hoog Edelheed„s moeten ter kennisse brengen, dat 't hier te Cochim wel geen gebruik is, pascen in voorraad in gereedheid te brengen, doch dat men hier gewoon is beschreeven en onderteekende pasporten, met oopenlaa„ Christiaan ting 99 agter moet min geteek: pasporten na Coilanen Porca zenden, tot Gerief van de barquiers. men diend bij die Mithode te blyven. gem: pasc is door 't opperhoofd rosier afgegeven. daar is een ordre gestateurt om bij vertrok of overlijden van een ge„ bieder de geteek: passen te rug te zenden. Daar staat een pertugers Gou„ verneur te Gor aan te koomen. sien salut meer gedaan aan vreemde particuliers scheepen. is gegeeven. ting van de laading en de naam van den eigenaar om aldaar aan de barquiers afgegevente werden, het welk hier ingevoerd is, om dat de bar„ kiers aan dien kant te moeijelijk valt, parce en Porca niet kunnende krijgen bij onze competiteuren gaan zoeken; en bij welke Me thode wij vermeenen wel te kunnen blijve als daar van door onkunde geen misbruik pasc heeft plaats gevonden, welke te Coilar door het opperhoofd Rosier is afgelangt uijt de geene die hem bij 't voorig Ministe„ rie geteekend waaren toegezonden; wij hebben in onze bij eenkomste op den 5 Junij anno passato ter voorkooming van dierge„ lijke ongeregeltheeden in het vervolg als een permanente ordre gestatueert, dat de Coilanse bediendens en Porcase Re sident, voortaan bij 't vertrek of overlij„ den van den geenen, die hier het gezag gehad heeft, ten eersten na Cochii zullen hebben te zenden, de pascen die nog getee van het vaartuig na Coilan en Porca te zenden, om anders inde plaatstekun, ten zijn, en andere door den aankoomende van Cochim te haalen, en deselve op Coila waar van de Ministers kennis se Ministers van het een en ander is ken„ De vreemde Natien aan¬ gaande; noteeren wij dat ingevolge uw hoog generale Resolutie des casteels batavia ge„ noomen in raade van Jndia op den 24: augustus anno pastato, thans geen saleet meer aan particuliere vreemde scheepen gedaan, ofte daar van verwagt word, 't geen den gezaghebberen dier scheepen en vaartuigen bij alle gelegentheeden is aan¬ gekundigt. word gemaakt, zoo als omtrend de voorm: volgens de ordre wrond thans Edelheedens g'eerde ordre, vervat bij extract En met opzigt der E Portugeezen, dat een Gouverneur dier Natie te Goa staat aante koomen, in steede van den bevoorens opreijs kend van denzelven onder hen berustende mog„ geteekend in derselver plaatse te eisschen, welke de ordre de bediendens te Coilan in porca is aangeschreeven, gelijk ook de Cormandel¬ nitse gegeeven; kend overleeden het laa nen zenden.

NL-HaNA_1.04.02_3380_0107 view scan ↗

English

100 is only a Governor. The Maratthas have not been heard of here. The Barbara Theodora reinforced from Chettua. Nothing to report regarding Hijder Alichan. and van Spall took over the shop and petty cash as of the end of February. Likewise bookkeeper Jan expresses his gratitude. the Viceroy appointed there by the deceased King having also passed away, so that, as is learned, henceforth whoever is at the head of affairs there shall no longer bear the title of Viceroy, but that of Governor: The Maratthas have not been heard of around these parts this year; although when the ship Barbara Theodora was still lying here in the roads, we received news from Chettua by letter of 9 December of the past year that they were said to have attacked a bombarde off the coast of Calicoet; nevertheless, although it was early to expect the Maratthas around these parts, we immediately sent militia and ammunition on board upon receiving the news, and further took such precautions as were prescribed to us in such a case by Your High Nobilities, without the said vessel however having had to delay its unloading on that account. Between them and Hijder Alichan peace has been concluded, so that there is also nothing special to report concerning that conqueror. Of the servants, the head surgeon Hermanus Leitner expresses his humble gratitude to Your High Nobilities for his promotion to the aforementioned capacity, as does the bookkeeper Jan Berlijn for the favorable disposition of Your High Nobilities toward the payment of the back pay long owed to him. Pursuant to the respected orders of Your High Nobilities, the petty cash having to be administered again by the Fiscal, and the shop by the shopkeeper, and also the dispensation by the latter in case of vacancy; we resolved in our meeting of 16 December of the past year to have the petty cash transferred by the shopkeeper van Spall to the Fiscal van Harn as of the end of February past; and under the same date to have the said van Spall take over the shop from the pay bookkeeper Seijsser; and since on that day a request was also made by petition by the bookkeeper and dispensier Hendrik Dirksz to be discharged from the administration of the dispensation, we granted his request and also entrusted that administration to the said shopkeeper van Spall, who likewise received transfer thereof as of the end of February. 101 The dispensier Dirk having made a request, transferred. sent to Batavia. appointed. and a sergeant to Ensign. has passed away. Requests to be further considered. returned back to Ceylon. The minister Pieter Cornelisz requests an increase in salary due to expiration of contract. The Eastern Lieutenant Bagoes Bagman, having been deported by us due to his bad conduct and sent on the ship Barbara Theodora to Batavia at the disposal of Your High Nobilities, a Lieutenant's place among the Eastern Company of Bappa Tjindel Caret has thereby become vacant; at our session of 13 August of the past year, we appointed thereto the Ensign of that same Company named Sidien Campong of Batavia, and in his place as Ensign the Sergeant of that Company, Tom Ommie of Batavia; which appointments we request that Your High Nobilities approve, and that the commissions for the same may be sent to us. Among the enclosures to this letter, we submit to Your High Nobilities a petition from the Reverend minister Pieter Cornelisz, who, due to the expiration of the term of his previous contract, humbly requests Your High Nobilities for a favorable increase in salary. Furthermore, under this chapter we bring to the notice of Your High Nobilities that while we were awaiting an opportunity to send an officer from here to Ceylon in place of Jobst Hendrik Daniel Stip who had come here from there, he, Stip, made known to us that he was inclined to return to Ceylon himself, which we granted him and which has also been carried out. The sickly Lieutenant Anthonij Alexander Tersmitten departed this life on 24 December of the past year, while Lieutenant van der Cruissen is still in the same languishing condition as

Dutch transcription

100 zyn maar ien Gouverneur. de maralthas heeft men hier niet vernoomen. van Chittua de barbara Theodora versterkt. van Hijder Alichan valt niets te zeggen. en van Spall heeft de winkel ult=o februarij de kleine Casta over genoomen. soo meede den boekhouder Jan tuigt zijn dankbaarheid. daar val gemonden koning meeroverleeden aldaar benoemden vie Roij zullende zoo als men verniemd, voortaan den geenen, die daar aan 't hoofd der zaaken is, niet meer den Titul van onderkooning, maar dien van Gouverneur voeren: V De Maratthas, heeft men deesen Jaare om deeze contrije niet vernoomen; hoewel wij toen het schip de Barbara Theodora hier nog ter rheede Derlijn lag, van Chettua bij brief van den 9. xber: anno pastalo tijdinge erlangden, dat de„ selve op de hoogte van calicoet een bombada men heft igter op bekoomen tijding zouden hebben aangetast; wij hebben egter schoon vroeg, om de Maralthas om deeze cor¬ trije te moogen verwagten, ten eersten Militie en Ammunitie na boord gezonden en verder zoodanige voorzorge gebruikt, als ons in zoo een geval door uw hoog Edel„ heedens is voorgeschreeven, zonder dat gem: bodem egter daarom met het lossen heeft behoeven te traineeren, tusschen deselven Aijder Michan is de Van de Dienaaren legt zijn ookmoedige dankbaarheid aan uw Hoog Edelheedens den opperchirurgijn Leitnerbe„ af den opperchirurgijn Hermanus Lut„ ner weegens zijne bevorderinge tot voorsz: qualiteit, als meede den boekhouder Jan Berlijn voor de gunstige dispositie van Uw Hoog Edelheedens ter afbetaaling zijner van ouds te goed gehad hebbende gagie Jngevolge van uw hoog Edelheedens g'eerde den fiscaal van Harn heeft onder ordre de kleine cassa weder door Friscaal, in dewinkel door den winkelier moetende wer„ den g,administreert, en ook door den laat¬ sten bij vacature het dispens; zoo hebben wij in onze bijeenkomst van den 16. december anno passato vastgesteld, om onder ultimo februarij passato, de kleine cassa door den win„ helier van spall te laten transporteeren aan onder dien datum overgenomen, den fiscaal van Harn; en gem: van spall onder dien datum weder te laten overnie¬ men de winkel van den soldij boekhouder vreede getroffen, zoo dat van dien conquerant ook niets bijzonders te zeggen valt. vreede. Verfsen 101 den dispensier dir k12 versok gedaan overgetransporteert. batavia versonden. aangesteld. in een sergeant tot Vaandrig. is overleeden. Versoekt verder ingesien te werden. na Ceilon te rug gekeert. Den predicant Pieter Cornelisz versoekt mits tijds expiratie om verhooging in gagie. seijsser, en vermits ook ten dien daage door den hebbende, om ontslog uit de dispen boekhouder en dispensier Hendrik Dirksz bij request versoek is gedaan, om van de admi¬ nistratie van 't dispins ontslagen te moogen werden, zoo hebben wij deszelfs versoek g,accordeert, en die administratie meede is t selver meede aan van spall opgedraagen aan gem: winkelier van Spall die daar van insgelijks onder ultimo februa¬ rij transport ontfangen heeft. Den Oostersche Lieutenant Bagoes Bag¬ Een Oosterschlieutin antna man mits zijn slegt gedrag door ons gede„ porteert en ter dispositie van uw hoog Edel¬ heedens met 't schip de barbara Theodora na batavia verzonden zijnde, is daar door een Lieutenants plaats onder de Oostersche Een vaandrig in deszelfs plaats Comp: Bappa Tjindel Caret vacant ge„ raakt, wij hebben ter onzer zitting van den 13. Aug„s anno passalo daartoe aan„ gesteld den vaandrig van die zelfde Comp: genaamd sidien Campong van batavia, en in deesen zijn plaats tot vaandrig den sergeant van die Comp: Tom Ommie van batavia; welke aanstellingen wij ver„ zoeken, dat door uw hoog Edelheedens g' approbeart, en de actens voor deselve aan ons moogen toegezonden werden. Onder de bijlaagen deezes bieden wij Uw hoog Edelheedens aan, een request van den eerwaard in predicant Pieter Cornelisz, die uw hoog Edelheedens mitstijds er pi„ ratie van zijn voorig verband, ootmoedig ver¬ zoekt om een gunstige verhooging in gagie= Voorts brengen wij onder dit hoofd deel ter kennisse van uw hoog Edelheedens, dat intusschen wij eene gelegentheid waa„ den Vaandrig stipp is wederom ren afwagtende om een offecier van hier na Ceijlon overte zenden, in steede van den van daar herwaarts gekoomen Jobst Hendrik Daniel stip, hij stip aan ons heeft te ken„ nen gegeven g, inclineert te zijn, zelfs we¬ der na Ceijlon overte gaan, het geen wij aan hem hebbing, accordeert en ook zijn gevolg gehad heeft. Den ziekelijken Lieutenant Arthonij Den Llcutonant Jersmittin Alexander Tersmitten heeft op den 24 xber: anno passato het tijdelijke afgelegt, den lieuterant van der Cruissen terwijl den Lieutenant van der Cruissen nog is in denzelfden quijnenden staat, gapprobeert als

NL-HaNA_1.04.02_3380_0109 view scan ↗

English

Persons. A borer, 2 Sergeants, and a Constable pensioned. One of them executed, but died shortly thereafter. Ought to have been sent to the Netherlands. as he was described in our letter of last year and unable to perform duty, and also has little prospect of recovery on account of his advanced age, wherefore he still humbly requests to be excused. The pensioners consist of a number of 21 persons, as appears from the attached roll of names; they thank Your High Noble Excellencies for the enjoyment of their pension, and hereby renew their request for its continuation. Placed among the number of retired servants are: the borer Jacobus Picaar, the sergeants Jan Godfried Maartsz and Jurgen Diederik Meulendorp, and the constable Jan Albert Ditmar, which persons, as evidenced by our Resolutions of 5 June, 10 September, and 16 December of last year, as well as 4 February of this year, on account of long-standing service, advanced age, and frail physical condition, have been pensioned by us; the first at f 10-, and the latter three at f 12 each. The said Picaar, however, according to the regulations, ought properly to have been sent to the Netherlands as incurable, since he arrived in the Indies for the second time in the year 1763, and thus the time was too short to pension him according to the literal meaning of the regulation; but since we took into consideration that this would fall very heavily upon this man, as he is burdened with a wife and children in addition to pressing poverty, and that he had already come to the country for the first time in 1752, but since that time fell with the bark Jacatra into the hands of the Angrian pirates and had to endure a harsh and very miserable imprisonment of eighteen months there—of which the undersigned Warehouse Keeper Saffin, to whom this sad misfortune also befell at that time, had knowledge—we granted him the pension provisionally, from which this man did not profit for long, but shortly thereafter departed this life. Request for payment of two bills of exchange. Furthermore, this is accompanied by the duplicates and a list of two bills of exchange, which we request Your High Noble Excellencies be pleased to have paid to the holders, namely: 1. In the amount of 7. / 65 7/18. at f 790. 12. 82, paid into the Company's treasury by the former Senior Merchant David Kellij, to be paid out again at Batavia to Jan Hendrik Funk, Junior Merchant, or his authorized agents or heirs, in milled ducatoons 237. 3/16. or f 782. 14. 8. 1 in the amount of 520. 3/48. at f 625. -. —, paid into the Company's treasury by the Bookkeeper and First Sworn Clerk of Police Johan Andries Daimichen, to be paid out again at Batavia to the Chief Mate and Master Cartographer Wiegle Siema, or his authorized agents or heirs, in milled ducatoons 187½ or f 618: 15. —. To as before: The private small vessel Speedwell, belonging to Malacca and returning home from here today via Coromandel to Batavia. With which we have the honor to remain, with the utmost respect and high esteem; underneath stood: High Noble, Right Honorable, Wide-ruling Lords and Well-born Noble Lords. Your High Noble Excellencies' humble and obedient servants; was signed: A: Moens. W: J:s van de Graaff. I: H: Medeler. R: van Harm. S: C: Saffin. J: L: van Spall. A: R: Schutz. and C: G: Seyffer. In the margin: Cochin, the 25th of March, Anno 1773. we avail ourselves of this opportunity to present therewith to Your High Noble Excellencies the triplicate of our general description, the original of which was sent to Ceylon on 25 March, and the duplicate lies in readiness to be handed over to the Surat ship, in case it should come into sight here, to which end we have addressed this to the Coromandel Ministers with the request to forward this packet from there to Your High Noble Excellencies at the first opportunity. With which we have the honor to remain, with the utmost respect and high esteem; underneath stood: High Noble, Right Honorable, Wide-ruling Lords and Well-born Noble Lords. Your High Noble Excellencies' humble and obedient servants; was signed: A: Moens. P: J: van de Graaff. I: H: Medeler. R: van Harm. [illegible] J: L: van Spall. A: R: Schutz. and C: G: Seyffer. In the margin: Cochin, the 30th of April 1773. Batavia. To as before. We intended to send the duplicate of our general advices of 25 March last with the last ship departing from Surat for Batavia, and have therefore long looked out for that vessel, but in vain; and since we have little hope remaining that it will yet appear, and we have received news that the ship Schoonzigt was due to arrive at Tuticorin and depart from there for the Principal Seat, we avail ourselves of this opportunity to present to Your High Noble Excellencies in all respect the aforementioned duplicate letter, which we to that end on this day

Dutch transcription

102 Persoonen. Een boorder 2 Sergeants; in k Constabel gegagieert. daar van g excuteert. dog is kort daar op overlieden. hebben moeten na Nederland versonden werden. als hij bij onse voorjaarige missive is beschree¬ ven en buiten staad om dienst te doen, en ook weinig apparentie heeft, mits zijne hooge Jaaren van hirstel, waarom denzelven als nog ootmoedig verzoekt, om ingezien te moogen werden. De Gegagieerden shur de gegageerdens bestaan in 21: ter iuste bestaan in een getal van 21. per„ zoonen blijkens neevens gevoegde Naam rolle, deselve bedanken uw hoog Edelheed„s voor 't genot der rustgagie, en renoveeren bij deesen hun verzoek om de continuatie Onder het getal der rustende dienaaren zijn gesteld, den boorder Jacobus Rieaar de sergeants Jan Godfried Maartsz, en Jurgen Diederik Meulendorp, en den constabel Jan Albert Ditmar, welke persoonen uijtwijzens onze Resoluties van den 5 Junij, 10 7ber: en 16 xber: A„o pass„o mitsgaders 4. februarij deeses Jaars, mits langjaarige diensten, hoogen ouderdom, in gebrekkelijke lichaams gesteltheeden, door ons gegageert zijn; de eerste met ƒ 10-: ende laatste drie met ƒ12 ieder. Gemelde Picaar zoude egter volgens de denboorder zoude, alsincurabel ordre, wel als incurabel na Nederland hebben moeten werden gezonden; dewijl deselve Anno 1763. voor de tweede maal in Jndien aangekoomen, en dus dien tijd te kort was, om hem volgens den letter„ lijken zin der ordre te gagieeren, maar dewijl bij ons in aanmerking is genoomen dat zulks deesen man zeer hard zoude vallen, alzoo hij buiten een drukkende armoede, nog met vrouwen kinderen is belaaden, dat hij ook 1752 al voor de eerste kier in 't land gekoomen zynde dog is om reedenen in den tyt zeedert met de barcq Jacatra in handen van de Angrease Zee-roovers gevallen en aldaar een altienmaandige harde en zeer elendige gevangen isse uijt heeft moeten staan, waar van de ondergetek: Pakhuismeester Saffin die dit droevig ongeluk toen meede is te beurt gevallen kennisse droeg, zoo hebben wij densel„ ven bij provisie het gagement toegelegt, waar van deese man niet lang heeft ge„ laatste profeteert 103 Verzoek om voldoening van twro AAssignaties. profiteert, maar kort daar op het tydely ke afgelegt. Overigens verzellen deese de duplicaa ten, en een Lyst van twee Assignaties, welke wij verzoeken dat uw hoog Edelheeden aan de houders gelieven te laten vol„ doen, als: 1. Groot 7. / 65 7/18. b ƒ790. 12. 82 door den oud oppercoopman David Kellij in s, Compis. Cassa geleld, om aan Jan Hendrik Funk onder coopman, dan wel deszelfs gemagtig„ dens of Erven wed te Batavia neder uijtgekeerd te werden met gecartelde ducatons 237. 3/16. of ƒ 782. 14. 8. 1 groot „. 520. 3/48. 8b ƒ 625. -. —. Door den boekhouder en eerste gezw: Clercq van politie Johan Andries Daimichen in s. Comps cassa gebeld, om aan den opperstuurman en baas kaar temaaker Wiegle Siema dan wildes„ zelfs gemagtigdens of Ervinte batavia weder uitgekeert te werden met gecarteld ducatons 187:½. ob ƒ 618: 15. — Aan als vooren: Het particuliere Schupje Bpoedwell te Malacca te huishoorende, en heeden van hier over Cormandel na huis keerende, Batavia Waar meede ons de Eere geeven, met de uijtertste Eerbied en hoog agtinge te blijven; /:onderstond:/ Hoog Edele, Groot Achtbaare, wijd gebiedende Heere, en welEdele Heeren. Uw hoog Edelheedens Onderdaanige en gehoorsaam Dienaaren /: was getek:/ A: Moens. W: J:s van de Graaff. I: H: Medeler. R: van Hamn. S: C: Sassin. J: L: van Spall. A: R: Schutz. en C: G: Seijfser. /:in margine :/ Cochim den 25. Maart Anno 1773. Paar bedienen 29 104 bedienen wij ons van die gelegentheid, on daar meede uw hoog Edelheedens aande bieden het Triplicaat van onze genara¬ le beschrijving, waar van 't Origineel den 25 Maart na Ceilon is gezonden, en 't duplicaat in gereedheid legt, om op 't suratse schip afgegeven te worden, inge„ valle het selve hier mogte in 't gezigt komen, ten welken eijnde wij deesen aan de Cormandelse Ministers ge„ rigt hebben met verzoek om dit pacquet van daar bij eerste gelegent„ heid uw hoog Edelheedens toete schik¬ ken. Waar meede ons de Eere geeven, met de uijtertste Eerbied en hoog agtinge te blijven; /:onderstond:/ Hoog Edele, groot agtbaare wijdgebie¬ dende Heere, en WelEdele Heeren Uw hoog Edelheedens onderdaanige en gehoorsaame dienaaren. /:was getek:/ A: Moens. P: J: van de Graaff. I: H: Medeler R: van Harm. . . . . . . . . . . . . . . J: L: van Spall. Batavia. Aan als vooren. Het duplicaat van onze generale advijsen van den 25 Maart J„o leeden, vermeenden wij met het laatst van souratte na batavia vertrekkend schip te verzenden, en hebben dus lange uijtgezien na dien bodem dogte vergeefs, en vermits ons weinig hoopd over„ blijft, dat denselven als nog zal koo„ men opdragen, en wij tijdinge heb„ ben erlangt, dat het schip Schoon zigt te Tutucorijn stond te komen, en van daar na de Hoofdplaats stond te vertrekken, zoo bedienen wij ons van deese gelegentheid Uw Hoog Edelheedens in alle Eerbied aan te bieden de voorsz: duplicaat Mis„ sive, welke wij ten dien eijnde op A: R: Schutz: en C: G: Seijffer (in margine:/ Cockin, den 30. April 1773. heeden

NL-HaNA_1.04.02_3380_0112 view scan ↗

English

today by the overland route to the Tuticorin ministers, to obtain further forwarding. We are indeed ignorant whether the Ceylon ministers have already had an opportunity to send the original of that dispatch to Your High Nobilities, and whether it might not rather first be dispatched with the aforementioned ship Schoonzigt, but nevertheless, choosing to err on the side of caution, we believed we should proceed with the transmission amid this uncertainty, all the sooner because the triplicate thereof has already been sent via Coromandel and we have no further opportunity to expect. With which we have the honor to remain with the utmost reverence and high esteem; was written below: High Noble, Right Honorable, Wide-Commanding Lord, and Well-Noble Lords! Your High Nobilities' humble and obedient servants. was signed: A: Moens, W: J: van de Graaff, J: H: Medeler, R: van Harm, J: L: van Spall, A: R: Schutz, and C: G: Seijfffer. in the margin: Cochin the 29th May Anno 1773. H Schutt, Secretary. Examined. Agrees. Schemering. Separate Copy Batavia To His High Nobility The High Noble, Right Honorable Petrus Albertus van den Parra Governor General Along with the Well-Noble Lords Councillors of the Netherlands Indies High Noble, Right Honorable Wide-Commanding Lord Well-Noble Lords. Hereby we take the liberty, in the hope of favorable interpretation, most respectfully to address Your High Nobilities on the article of our income, which we could not well find a suitable place for in the accompanying separate letter. The private trade granted to us by Your High Nobilities, by separate dispatch of the 25th September 1770, we duly recognize as a mark of favor which obliges us to gratitude; but as the trade of the Company begins to stand on such a good footing that, if our full demand could have been met, this year would have been very profitable for Their Nobilities, and we flatter ourselves, not without reason, that the trade will increase more and more and improve in several articles; for which the advantageous situation of this place gives very great hope, and we promise Your High Nobilities that we will with zeal and fidelity, and thus also by renouncing all self-interest, seek to contribute everything thereto that is in any way dependent upon us, we would therefore rather not profit from the aforementioned mark of favor of Your High Nobilities, just as the first signatory since his arrival here until now has made no use of it, so as to have no other interest whatever than to promote the Company's interests to the utmost of our ability. We therefore take the boldness very respectfully to request Your High Nobilities that we may once again enjoy the allowance granted by Your High Nobilities by resolution of the 9th April 1764 to the Commander and Second, and since increased to five percent, whereby the interest of the first two servants of this Coast, who actually manage the trade of the Company, remains most closely tied to the interest of Their Nobilities, and everything is prevented that might give rise to any separate interest, which cannot always be well combined with the interests of the Company. We furthermore request permission to demonstrate to Your High Nobilities and to assure you in good conscience how the necessary and unavoidable expenses, especially of the first signatory, run rather high here; besides the outward appearances, which cannot be omitted without much remark, to which also very much contributes the constant arrival of strangers and among them frequently very respectable people, who are accustomed to being properly entertained, which does not happen without expense: one is even ashamed to present all this in such a way, but it is truly so: The assigned commission of 5 percent on the sale alone gives, in comparison therewith, a very limited, and if we may say so, insufficient livelihood, as has already been shown to Your High Nobilities by the late Noble Lord Senff in his treatise on the Malabar, with the reasons thereof, and we hope that Your High Nobilities, out of consideration thereof, will please take it in good part that we take the liberty very humbly to request the Same that the granted commission on the sale, through the goodness of Your High Nobilities, may also be extended to the purchase of pepper, in order to be able to subsist, and to have no need to concern ourselves with anything other than the fulfillment of our duties toward the Company, which we hope, through our zeal to do well, will be richly compensated in its increased profits. Meanwhile we have the high honor to remain with the greatest respect; was written below: High Noble, Right Honorable, Wide-Commanding Lord and Well-Noble Lords! lower: Your High Nobilities' humble and obedient servants, was signed: A: Moens and W: I: v: d: Graaff, in the margin: Cochin the 1st May 1772. Agrees H Schutt, Secretary. Register of the Separate Papers that are presently sent via Ceylon to Batavia. No. 1. Original Letter to Their High Nobilities under today's date. 2. Copy Report of the Second van de Graaff, Major Medeler, and the Surveyor De Graaf, concerning the fortress of Coilan dated the 21st September 1772, with its drawing. 3. Drawing of the improvements at Sloterdijk. 4. Secret Resolution of the 10th October 1772, concerning the fallen outer mark of this city or the so-called square platform, what of the sluice, which shall be placed in front, and what is stipulated therewith at the same time. 5. Cochin the 25th March 1773. was signed: A: Moens. Agrees: R Schutz, Secretary. Examined. Schemering.

Dutch transcription

105 heeden over den landweg aan de Tutuco„ rijnse Ministert verzenden, ter ex¬ langinge van verdere bestellinge. Wij zijn wel ignorant of de Ceilonse Ministers, reeds eene gelegentheid gehad hebben, het origineel dier Missive, aan uw Hoog Edelhee„ dens te verzenden, en of die ook niet wel eerst met voorschree„ ven schip schoonzigt zal werden gedepecheert, dog hebpen echter liefst het zeekere voor 't onzeekere neemende, vermeend in deese on¬ zeekerheid tot de verzendinge te moeten overgaan, te eerder om dat het Triplicaat daar van reeds over Cormandel is verzonden en wij geen nadere geleegentheid te wagten hebben. Waar meede ons de Eere geeven¬ met de uitertste Eertied en hoog agtinge te blijven; /:onderstond:/ Hoog Edele, Groot Agtbaare, S wijd gebiedende Heere, en Wel„ SSchemering Nagezien. Accordeert. Edele Heeren! uw Hoog Edel„ heedens onderdaanige en gehoorzaa¬ ma Dienaaren. /:was Getek:/ A: Moens. W: J: van de Graaff. J: H: Medeler. R: van Harm. . . . . . . . . . . . . . J:L: van spall. A: R: Schutz. en C: G: Seijfffer. /:in margine:/ Cochim den 29 Maij A:o 1773. H Schutt Edele secret:s Copia Apart Batavia Aan zijn Hoog Edelheijd Heer Den Hoog Edelen, Groot Agtbaaren Petrus Albertus van den Parra Gouverneur Generaal De wel Edele Heeren Raaden van Nederlands India Hoog Edele, Groot Agtbaare Wijdgebiedende Heere Wel Edele Heeren. Bij dezen Gebruijken wij de vrijheijd uw Hoog Edelheedens, in hoop van Gunstige wel= „duijdinge, op 't Eerbiedigste te onderhouden over het articul van onze Inkomsten, dat wij in de Meden afgaande Apparte brief niet wel voegelijk plaats wisten tegeven De door uw Hoog Edelheedens ons toege= staane Benevens En 106 107 „staane particuliere Mandel, bij Aparte mis= „sive van den 25: 7ber: 1770: merken we bil= „lijk aan, als een Gunst bewijs, het welk ons tot dankbaarheid verpligt; dog wijl den Han= „del van de Comp: op zulken goeden voet be= „gint te staan, dat indien onsen vollen Eijsch had kunnen voldaan worden, dit Jaar voor„ Haar Edele zeer voordeelig zoude Geweest zijn, en we ons niet zonder Grond vlijen, dat de handel meer en meer zal toeneemen en in verschijde artikelen verbeeteren; waar toe de voordeelige Geleegentheijd dezer plaats. zeer veel hoop Geeft, en we uw Hoog Edelheedens belooven, dat we met ijver en trouwe dus ook met afzien van alle eijge belang, daar toe alles zullen zoeken toetebrengen wat maar eenigzints van ons afhangelijk is, zo willen wij van voorsz: uw Hoog Edel „heedens Gunst bewijs liever niet profiteeren, Gelijk dan ook den Eerst Getekende 't zedert zijn komste alhier tot nog toe, daar van geen Gebruijk Gemaakt heeft, om alzo gan ander intrest te hebben als Comp:s belangens naar uijtterste vermogen te bevorderen wij neemen dierhalven de vrijmoedigheijd uw Hoog Edelheedens zeer Eerbiedig te ver= zoeken, dat wij wederom mogen Genieten het douceur door uw Hoog Edelheedens bij re„ „solutie van den 9: April 1764: aan den Commandeur en secunde toegelegt, en zedert tot vijf ten hondert vermeerdert, waar door het belang van de twee eerste bediendens de „zer Custe; die eijgentlijk den handel van de Comp:s bestieren, aan het intrest van Haar Edele op het naauwste verknogt blijft, en voor= gekomen word, alles wat aanlijding Geven kan, tot eenig afzonderlijk intrest, het welk niet altoos met de belangen van de Comp: wel te Combineeren is. Nog versoeken we verlof om uw Hoog Edel „heedens temogen vertoonen en na Gemoede te verzekeren, hoe de nodige en onvermijdelijke verteeringen, in zonderheijd van den eerst Geteekenden, hier vrij hoog loopen; behalven de uijtterlijkheeden, die zonder veel opzien niet natelaaten zijn, waar toe ook zeer veel contribueert het Gestaadig aankoo= „men, van vreemde en daar onder al veel tijds zeer honette lieden, die Gewoon zijn or= „dentelijk onthaelt teworden, het Geen niet zonder kosten toegaat: men is zelfs be= „schaamd om dat alles zo te vertoonen dog het is waarlijk zodanig: De toegelegde C=to op den verkoop al= provisie van 5: p:r „leen, Geeft in vergelijk daar van een zeer bepaald, en als we het zeggen mogen, Geen toerijkend bestaan, zo als zulks, door wijlen Den Edelen Heer Ieuff bij des „selfs verhandeling over de Mallabaar tot met 108 Nagesien met de reedenen van dien, uw Hoog Edel= „heedens reeds vertoont is, en we hoopen, dat uw Hoog Edelheedens ons uijt Consideratie van dien, zullen Gelieven ten Goede tehouden dat we de vrijheijd Gebruijken, Hoogst De= „zelve zeer ootmoedig teverzoeken, dat de toegestaane provisie op den verkoop, door de Goedheijd van uw Hoog Edelheedens, ook tot den inkoop van de peper moge werden uijtgestrekt, om te konnen bestaan, en niet nodig te hebben ons met iets anders tebe= moeien, als met het volbrengen van onze pligten omtrent de Comp:, die wij hoopen door onzen ijver om wel tedoen in haare meerdere winsten dit rijkelijk te zullen vergoeden. Jnmiddels Hebben wij de Hooge Eere, met de meeste Eerbied te verblijven /:onderstond:/ Hoog Edele, Groot Agtbaare, Wijdgebiedende Heere en Wel Edele Heeren! /lager/ uw Hoog Edelheedens onderdanige en Gehoor zame Dienaren /was Getekend/ A: Moens en W: I: v: d: Graaff, /:inmargine:/ Co „chim Den 1: Meij 1772: Accordeerd H Schutt „ 5: Secreete Resolutie van den 10.:' 8ber: 1772., Nopens het vervalle buijten merk dezer Stad of het zoo Genaamd vierkant plat Cochim Den 25. Maart 1773. /was Getekend/ A: Moens. — Accordeerd: _=o van de Sluijs, dewelke voor aan ge„ Wat „legt zal worden, en „ daar bij tef„ „fens bedongen is. 3: Afteekeninge van de verbieteringe aan Sloterdijk. Copia Rapport van den Secunde van de Graaff, Den Majoor Medeler, en den Landmeeter De Graaf, nopens de fortresse Coilan Gedateert den 21. ' 7ber: 1772. met dies afteekeninge. N„o 1. Origineele Brief aan Haar Hoog Edelhee„ „dens onder hedigen datum Register op de Apparte Papieren die thans over Ceijlon na Batavia verzonden worden. Schemering Schemering 2. 4. Nagesien secret:s R Schutz secret.:s

NL-HaNA_1.04.02_3380_0116 view scan ↗

English

109 The King of Cochin The King of Travancore The King of Samorin The Moorish Regent Ady Raja The fraud committed here previously in the trade books – – – – page 20 General pardon for the deserters - - - - - - - - - - page 21 Payment to the Eastern soldiers - – – – – – – – page 22. Captain Bappa Tjendel Caret – – – – – – – page 23 Chettua and Cranganore - - - - - - - The jailer's house - - - - - - Storing the gun carriages during the bad monsoon - - - - - - - page 37. The dilapidated outwork - - - — page 36. Dispute between the English and the Portuguese - - - - - page 44. Three French ships that have been on this coast - - - - - - page 46. The assigned allowance beginning with anno 1767/3. - Request that the said allowance may be received earlier – – – – – – – – – – page 18 Quilon - -- The fortifying of this stronghold - - - - - - - - - - - - page 35. Sloterdijk - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - page 26. page 48. Examined S Schemering H Schutz List of the items dealt with herein. Agreed. Secretary 110 Separate To His High Honour, The High Noble, Right Honourable Lord Petrus Albertus van der Parra Governor-General Together with The Honourable Councillors of the Dutch East Indies. Batavia High Noble, Right Honourable, Far-Ruling Lord And Honourable Lords: I have had the honour to receive Your High Honours' very respected separate dispatches of the 25th of September and the 30th of October of last year, and I shall strictly observe what was ordered therein, as well as carefully heed the instructions regarding what may and must be dealt with either by separate or by general letters. No. 1. The King of Cochin. Meanwhile, I express my respectful gratitude for the favourable approval of my actions, and the generous as well as gracious manner in which Your High Honours have been pleased to do so, which stimulates and encourages me to proceed with all cordiality and care in zeal and duty, in order to thus remain further worthy of Your High Honours' high favour. Since the settlement of the dispute with the King of Cochin, His Highness has on his part strictly complied with everything up to the present, which is likewise done on the part of the Company; and I shall, according to Your High Honours' very esteemed order, ensure as far as it is in my power that this continues to take place; meanwhile His Highness currently appears to be very satisfied and content, even seeking to please me on occasions in which he is neither bound nor accustomed to do so; as recently when he went to Tripunithura and returned from there, in which palace he is accustomed to reside for some months annually, and likewise when he recently made a journey to the south and went to pay a visit to the King of Travancore, as it is believed, to speak to one another about the Samorin, and has since gone again to Tripunithura, since upon his departure and return he each time paid me an informal visit in the outer garden, for which reason I have since also paid a return visit to His Highness, which visits, however, did not need to cost the Company a single penny, because they were arranged in such a way that the giving of presents on these occasions would have been as improper as they are, on the contrary, entirely customary and necessary at solemn meetings; through which informal interaction he becomes more or less, so to speak, more humane and also more unaccustomed to that previous stiffness, and Travancore will at the same time see that one is sincere with the King of Cochin, which is a point that, in my opinion, should for the present be very well kept in mind. Thus I have not only sealed the original ola, which His Highness wrote to me before the settlement of the dispute, but also endorsed it in the following manner: Original ola of the King of Cochin, which His Highness wrote to the Commander Moens in 111 Sam ant

Dutch transcription

109 De koning van Cochim De koning van Trevancoor De koning van Sammorijn De Moors Regent Adij Ragia De Hier bevoorens gepleegde fraude bij de Negotie-Boeken – – – – „ 20 Generaal Pardon voor de Dezenteurs - - - - - - - - - - „ 21 Afbetaalinge aan de oostersche Militairen - – – – – – – – „ 22. Capitain Bappa Tjendel Caret chettua en Cranganoor - - - - - - - Het Cipiers. Huijs - - - - - - De affuijten in de quaade mousson tebergen - - - - - - - „ 37. Het vervalle buijten werk - - - — verschil tusschen De Engelschen en Portugeesen - - - - - „ 44. Drie fransche scheepen die op deeze Cust geweest zijn - - - - - - „ 46. De toegelegde Provisie beginnende met A:o 17 67/3. - Versoek dat gem: Provisie vroeger mag genooten werden Coilan- -- De Horstwieringe dezer vestinge - - - - - - - - - - - - „ 35. Sloterdijk - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 26. Nagesien SSchemering H Schutz Notitie van de in dezen Verhandelde Losten. Accordeerd. -- -- – – – – – – – „ 23 „ „ - - – – – – – – – – – – „ 1.8 --- - -- - „ - – – – – – – „36. – – „ - „ 48. secret:s 110 Appart Aan Zijn Hoog Edelheijd, Den Hoog: Edelen, Groot Agtbaaren Heere Petrus Albertus van der Parra Gouverneur Generaal Benevens De Wel Edele Heeren Raaden van Nederlands India. Hoog Edele, Groot Agtbaare„ Wijdgebiedende Heer En Wel Edele Heeren: Hebbe de Eer Gehad te ontvangen uw Hoog Edelheedens zeer Gerespecteerde Apparte missiven van den 25. ' 7ber: en 30:' october des verlieden Jaars, en zal het daar bij aan„ „bevoolene stiptelijk observeeren, mitsgaders zorgvuldig in agt neemen het voorgeschreevene nopens het Geene of bij aparte of bij al„ Gemeene brieven, mag en moet verhandelt Batavia werden N„o 1. De Koning van Cochim. Jntusschen betuijge mijne Eerbiedige dankbaar„ „hijd voor de Gunstige approbatie van mijne verrigtingen, en de zoo Genereuse als gratieuse manier, waarmeede uw Hoog Edelhedens zulks hebben Gelieven te doen, het geen mij opwekt en aanmoedigt om met alle har„ „telijkheijd en zorgelijk e in ijver en pligt voort te vaaren, ten einde dus uw Hoog Edelhee„ „dens hooge gunste verder waardig ter blijven Zeedert de afdoening van het verschil met den koning van Cochim, heeft zijn Ho=t aan desselfs zijde tot nog toe alles stiptelijk nagekomen, het geen aan de zijde van de Comp: insgelijks Geschied; en ik zal vol„ „gens uu Hoog Edelheedens zeer g'eerde ordre, zoo veel in mijn vermogen is; sorgen, dat zulks op den duur plaats hebbe; intus„ schen schijnt zijn Hot: thans zeer wel te vreeden en vergenoegt tezijn, zoekende mij zelfs te believen, in Gelegentheeden, waar in hij zulks niet gehouden nog Gewoon is te doen; Gelijk laatst toen hij na Tripontarre ging, en van daar terug Quam, /:in welk paleijs hij jaarlijx gewoon is voor eenige maanden te logeeren :/ zoo meede toen hij on„ „langs een togtje na de zuijd, en den koning van Trevancoor een visite ging geeven, (om zoo als men meend elkander over den werden. Pammorijn te spreeken:/ en 't zeedert al„ „weder na Tripontarre gegaan is, alzoo hij bij vertrek en terug komste telkens mij in de buijten thuijn een familaire visite gegeven heeft, waarom ik bij zijn Hot H. zeedert ook eens een Contra bezoek afgelegt hebbe, welke visites de Comp: egter geen enkelde penning hebben behoe„ „ven te kosten, om dat dezelve zoodanig ingerigt waaren, dat het geeven van ge„ schenken bij deeze Gelegentheeden, zoo oneijgen zouden geweest zijn, als zij anders bij plegtige ontmoetingen weder in tegen„ „deel geheel eijgen en noodzaakelijk zijn door welke familaire omgang, hij min of meer, om zoo te spreeken, menschelijker en ook meer van die voorige stijfhijd ont„ wend worden, en Trevancoor teffens zien zal, dat men het opregt met den koning van Cochim meend, het geen „ articul is, dat men, mijns bedunkens, voor als nog, wel zeer diend in het oog tehouden. Dus hebbe de origineele ola, die zijn Ho=t voor't afdoen van de Questie aan mij ge„ „schreeven heeft, niet alleen verzeguld maar ook op de volgende wijze beschreeven. origineele ola van den koning van Cochim, die zijn Hot: aan den Comman¬ deur Moens geschreeven heeft in 111 Sam ant

NL-HaNA_1.04.02_3380_0119 view scan ↗

English

5. 112 answer to his ola, regarding the settlement of the dispute over the questionable territory, concerning which ola further elucidation is to be found with the secret letter dispatched to Batavia on 4 March 1772, and from which it also appears for what reason this ola must be preserved so carefully and secretly. And furthermore placed among the secret papers; so that the same cannot fall into the wrong hands, and its contents will remain hidden from Trevancoor, which is very necessary, while in case of need use can always be made of it. Furthermore, the list of the jollen that have always been paid on Mattancherij, the Canarese bazaar and pagodinjo according to the old regulation, according to the old regulation, and will also be paid in the future, has already been examined by commissioners who have submitted a written report and thereby demonstrated that they, at Mattancherij at the house of the Jewish merchant Samuel Abrahamsz, in the presence of the Paliath Achan and four of the king's regidors, as well as three of the most prominent Jewish and six Banyan merchants, examined the list of the jollen, presented it item by item to the aforementioned merchants, and accurately inquired of them whether that list corresponded with the old usage and customs, and that the merchants had unanimously replied to this that that list was tolerably drawn up, as they previously had even had to pay considerably more for those goods, adding that they had no reason to complain about this payment, and that everything thus corresponded with the old usage and customs; that thereupon the Paliath Achan and the aforementioned regidors, in the name and on behalf of their king, established, undertook and promised that the collection would take place in that manner and according to that list, with which report the said commissioners have also submitted that same list in duplicate, namely two in the Dutch and two in the Malabar language, on the one side by them and on the other side by the Paliath Achan and the four regidors of the king, and in the middle duly signed by the Company's and other private merchants, one set of the said report and list being preserved as authentic documents with the contract book kept here, and furthermore with the general resolution of 13 August of the...

Dutch transcription

5. 112 antwoord op zijne ola, nopens de afdoe„ „ninge van het verschil over het ques„ tieus grond gebied, omtrend welke ola nader elucidatie tevinden is, bij de na Batavia afgegaane Secreete brief van den 4. ' maart 1772:, en waar bij teffens blijkt, om welke reeden deeze ola, zoo zorgvuldig en Secreet dient bewaart te worden. En voorts onder de secreete papieren ge„ „plaatst; zoo dat dezelve in geen verkeerde handen komen kan, en dies inhoud voor Trevancoor verborgen zal blijven /het geen zeer noodzakelijk is:/ terwijl men des noods altijd daar van Gebruik kan maaken voorts is de Lijst van de Jollen die op Mat¬ tancherij, de Canarijnse bazaar en pagodinjo na de oude bepaaling, na de o#de bepalinge aelhoos zijn betaald, en voortaan ook be„ taald zullen worden, reets G'examineerd door Gecommitteerdens dewelke van schrif„ telijk rapport Gedient en daar bij aangetoond hebben, dat zij op Mattancherij ten huijze van den Joods Coopman Samuel Abrahamsz in tegenwoordighijd van den Paljetter en vier van 's konings ragiadoors, mitsgaders van drie der voornaamste Joodse en ses ben„ „jaanse kooplieden, de Eijste der Jollen G'eva„ „mineert post voor post aan de voormelde kooplieden voorgehouden en van dezelve naauwkeurig hebben afgevraagt of die Lijst met de oude usantie en Costumen over een quam, en dat de kooplieden daar op eenpaarig van antwoord gedient hadden „dat die Lijste dragelijk opgemaakt was, alzoo zij voor dezen zelfs vrij meer voor die goederen hadden moeten betalen, met bijvoeging dat zij geen reeden hadden, zig over deeze betaling te beswaaren, en dat dus alles met de oude usantie en Costumen over een Quam, dat daar op den Paljetter en voorsch: Ragiadoors uijt naam en van wegens hun koning vastgesteld, op zig Genomen en beloofd hebben, dat de invor„ „deringe op die wijze en na die Lijste zoude geschieden, bij welk rapport Gem: Gecom„ „mitteerdens teffens overgelegt hebben, die zelfde lijste in duplo, teweeten twee in de Nederduitpche en twee in de mallabaarse taale, aan de eene zijde door hun en aan de andere zijde door den Paljetter, en de vier Ragiadoors van den koning, en in't midden door sComp=s en „e andere particuliere koop„ „lieden behoorlijk onderteekend, zijnde van gem: Rapport en Lijste een stel als egte stukken bij het hier berustende Contract boek bewaard, en ten overvloede bij de Gemeene resolutie van den 13:' Aug=o des koop ver 5. 112 antwoord op zijne ola, nopens de af „ninge van het verschil over het g tieus grond gebied, omtrend welke d nader elucidatie tevinden is, bij de Batavia afgegaane Secreete brief den 4. ' maart 1772:, en waar bij teff blijkt, om welke reeden deeze ola, z# zorgvuldig en Secreet dient bewaart worden. En voorts onder de Secreete papieren „plaatst; zoo dat dezelve in geen verkeerde handen komen kan, en dies inhoud vo Trevancoor verborgen zal blijven/ het q zeer noodzakelijk is:/ terwijl men des altijd daar van Gebruik kan maaken Voorts is de Lijst van de Jollen die op Ma tancherij, de Canarijnse bazaar en pagod na de oude bepaaling, na de onde depal aelhoos zijn betaald, en voortaan ook taald zullen worden, reets G'examine door Gecommitteerdens dewelke van J telijk rapport Gedient en daar bij aange hebben, dat zij op Mattancherij ten van den Joods Coopman Samuel Abra¬ in tegenwoordighijd van den Paljetter vier van 'skonings ragiadoors, mitsga van drie der voornaamste Joodse en ses „jaanse kooplieden, de Eijste der Jollen „mineert post voor post aan de voorn kooplieden voorgehouden en van dezelve naauwkeurig hebben afgevraagt of die Lijst met de oude usantie en Costumen over een quam, en dat de kooplieden daar op eenpaarig van antwoord gedient hadden „dat die Lijste dragelijk opgemaakt was, alzoo zij voor dezen zelfs vrij meer voor die goederen hadden moeten betalen, met bijvoeging dat zij geen reeden hadden, zig over deeze betaling te beswaaren, en dat dus alles met de oude usantie en Costumen over een Quam, dat daar op den Paljetter en voorsch: Ragiadoors uijt naam en van wegens hun koning vastgesteld, op zig Genomen en beloofd hebben, dat de invor„ „deringe op die wijze en na die Lijste zoude geschieden, bij welk rapport Gem: Gecom„ „mitteerdens teffens overgelegt hebben, die zelfde lijste in duplo, teweeten twee in de Nederduitsche en twee in de mallabaarse taale, aan de eene zijde door hun en aan de andere zijde door den Paljetter, en de vier Ragiadoors van den koning, en in't midden door sComp=s en „e andere particuliere koop„ „lieden behoorlijk onderteekend, zijnde van gem: Rapport en Lijste een stel als egte stukken bij het hier berustende Contract boek bewaard, en ten overvloede bij de Gemeene resolutie van den 13:' Aug=o des koop ver

NL-HaNA_1.04.02_3380_0121 view scan ↗

English

5. 112 answer to his ola, regarding the settlement of the dispute over the contentious territory, concerning which further elucidation is to be found in the secret letter sent to Batavia on the 4th of March 1772, and from which it also appears for what reason this ola must be kept so carefully and secretly. And furthermore placed among the secret papers, so that it cannot fall into the wrong hands, and its contents will remain concealed from Travancore, which is very necessary, while one can nevertheless always make use of it. Furthermore, the list of the tolls that are paid at Mattancherij, the Canarese bazaar, and pagoda according to the old determination, according to the old stipulation, and will henceforth also be paid, has already been examined by commissioners who have served a written report and therein stated that they, at Mattancherij at the house of the Jewish merchant Samuel Abraham, in the presence of the Paliath Achan and four of the king's karyakkars, as well as three of the principal Jewish and six Indian merchants, examined the list of the tolls, presented it item by item to the aforementioned merchants, and carefully asked them whether that list agreed with the old usage and customs, and that the merchants had unanimously replied that this list was tolerably drawn up, since they previously even had to pay considerably more for those goods, adding that they had no reason to complain about this payment, and that everything thus agreed with the old usage and customs; that thereupon the Paliath Achan and aforesaid karyakkars, in the name and on behalf of their king, established, assumed, and promised that the collection would take place in that manner and according to that list; with which report the said commissioners simultaneously submitted that same list in duplicate, namely two in the Dutch and two in the Malayalam language, duly signed on the one side by them and on the other side by the Paliath Achan and the four karyakkars of the king, and in the middle by the Company's and other private merchants, a set of the said report and list being preserved as authentic documents in the contract book kept here, and for greater certainty inserted in the general resolution of the 13th of August of the past year, while to His Highness, at his special request, the other set was delivered, and to everyone who wishes to know whether he is not sometimes charged too much, freedom has been granted to be able to see that list, which His Highness has undertaken on his part likewise to do, and has also already effectively done, as well as having very earnestly ordered his farmers on pain of punishment not to exceed that list, just as no complaints whatsoever regarding this have come before me up to the present day; and herewith this bone of contention has now also been removed, which otherwise would continually give cause for diversion and difficulties. The letter along with presents was delivered to His Highness, who effectively had me requested not to dispatch for the time being Callaga Porboe, who in His Highness's letter was erroneously called Callie Probu, because he still owes much to His Highness and to the Canarese pagoda, but to keep him secured in the meantime until His Highness should make a further request to me regarding that, which I then also provisionally granted to His Highness, so that this evil instrument, who besides this 123 sits under a warrant of civil detention for still other private debts, in the meantime can do no harm. His Highness had flattered himself that he would have obtained some reduction on the war expenses, or that he, upon his request made in his letter, instead of 1500, might have paid only 1000 rupees annually thereof out of his share of the tolls; and he even seemed to be grieved about it; but I made him understand that not the least change could be made regarding that, and that he should also no longer speak of it, or else he would run the risk that in the arrangement made in his favor, a change in our favor could also be claimed; with which he remained satisfied, without pressing for it any further. But since Your High Nobilities in the general letter have been pleased to order also to collect as soon as practicable from His Highness his debt on the Coesipallijse lands, which are mortgaged to the Company for 15000 rupees, and of which the Company annually enjoys the revenues without difficulty and deducts from His Highness's portion of the tolls to the sum of ƒ1297:12:8, I find myself obliged to Your High Nobilities

Dutch transcription

5. 112 antwoord op zijne ola, nopens de af ninge van het verschil over het g tieus grond gebied, omtrend welke nader elucidatie tevinden is, bij de Batavia afgegaane Secreete brief den 4. . maart 1772:, en waar bij tes blijkt, om welke reeden deeze ola, z zorgvuldig en Secreet dient bewaart worden. En voorts onder de Secreete papieren „plaatst; zoo dat dezelve in geen verkeerd handen komen kan, en dies inhoud va Trevancoor verborgen zal blijven/ het g zeer noodzakelijk is:/ terwijl men des altijd daar van Gebruik kan maaken voorts is de Lijst van de Jollen die op A tancherij, de Canarijnse bazaar en pago na de oude bepaaling, na de ond depa aelhoos zijn betaald, en voortaan ook taald zullen worden, reets G'examine door Gecommitteerdens dewelke van telijk rapport Gedient en daar bij aange¬ hebben, dat zij op Mattancherij ten van den Joods Coopman Samuel Abra in tegenwoordighijd van den Paljetter vier van 'skonings ragiadoors, mitsga van drie der voornaamste Joodse en ses „Jaanse kooplieden, de Eijste der Jollen „mineert post voor post aan de voorn kooplieden voorgehouden en van dezelve naauwkeurig hebben afgevraagt of die Lijst met de oude usantie en Costumen over een quam, en dat de kooplieden daar op eenpaarig van antwoord gedient hadden, dat die Lijste dragelijk opgemaakt was, alzoo zij voor dezen zelfs vrij meer voor die Goederen hadden moeten betalen, met bijvoeging dat zij geen reeden hadden, zig over deeze betaling te beswaaren, en dat dus alles met de oude usantie en Costumnen over een Quam, dat daar op den Paljetter en voorsch: Ragiadoors uijt naam en van wegens hun koning vastgesteld, op zig Genomen en beloofd hebben, dat de invor„ „deringe op die wijze en na die Lijste zoude geschieden, bij welk rapport Gem: Gecom„ „mitteerdens teffens overgelegt hebben, die zelfde lijste in duplo, teweeten twee in de Nederduitsche en twee in de mallabaarse taale, aan de eene zijde door hun en aan de andere zijde door den Paljetter, en de vier Ragiadoors van den koning, en in't midden door sComp=s en „e andere particuliere koop„ „lieden behoorlijk onderteekend, zijnde van gem: Rapport en Lijste een stel als egte stukken bij het hier berustende Contract boek bewaard, en ten overvloede bij de Gemeene resolutie van den 13. ' Aug=o des koop ver verleeden Jaars G'insereert, terwijl aan zijn Hot. op desselfs speciaal verzoek het andere stel afgegeven, en aan een iegelijk die gaar„ „ne weeten wild, of hem Somtijds niet te veel afgevordert word, vrijheijd gelaten is om die Lijste tekonnen zien, het geen zijn ho„t op zig Genomen heeft van zijne zijd insgelijks te doen, en ook reets effectief ge„ „daan, zoo wel als zijn pagters op pane van straffe wel ernstig Gerecommandeert heeft om buijten die Rijst, niet te gaan, gelijk my dan ook, tot heden toe nog geene de minste klagten derweegens voorgekomen zijn, en hiermeede is die twist appel nu ook uijt de wereld, dewelke anders Geduurig aanleijdinge tot diversie en moeijelijkheeden zoude geeven. De briev nevens Geschenken is afgegeven aan zijn stot, die mij defacto liet verzoe„ ken om Callaga Porboe die bij zijn Nots briev per abuijs Callie Probu genaamd is, voor eerst nog niet te verzenden, /om reeden hij nog veel aan zijn Ho:t en aan de Canarijnse pagood debet is:/ maar hem intusschen Gesecureert telaten, tot dat zijn Hot: mij daar omtrend nader verzoek zoude doen, het Geen ik zijn Hot: dan ook bij provisie ingewilligt hebbe, zoo dat dit quaad Jnstrument dat buijten des 123 om nog meer andere particuliere schulden onder mandament van Gijselinge zit, in„ tusschen geen quaad doen. kan zijn Ho:t had zig gevleijd dat hij wat afslag zoude erlangt hebben op de oorlogs ongelden, dan wel, dat hij op zijn verzoek bij desselfs briev gedaan in steede van 1500:, maar 1000: rop=s Jaarlijx daar van zoude mogen hebben voldoen, uijt zijn aandeel van de Jollen; en hij scheen zelfs bedroeft daar over te zijn; dog ik hebbe hem doen begrijpen, dat daar omtrend geene de minste veranderinge kon gemaakt worden, en dat hij daar van ook niet meer diende te spreeken, of dat hij anders Gevaar zoude loopen, dat er in de Gemaakte schik„ „kinge ten zijnen faveure, ook veranderinge in ons faveur zoude konnen Gepretendeert worden; waarmeede hij zig te vreeden ge„ houden heeft, sonder daar verder meer om aante houden. Maar dewijl uw Hoog Edelheedens bij de Gemeene briev hebben gelieven te gelasten om zijn Nots. Schuld op de Coesipallijse landen /:die bij DE Comp: verpand zijn voor rop„s 15000: en waar van D EComp: Jaarlijx de inkomsten zonder moeijte Geniet, en van zijn Ho=ts portie uijt de Jollen afhoud ter somma van ƒ1297:12:8:/ zoo dra doenlijk meede van hem intepalmen, zoo vinde mij verpligt uw Hoog Edelhedens om in

NL-HaNA_1.04.02_3380_0123 view scan ↗

English

To show in respect to the King of Trevancoor, how having recently entertained him on this matter in a gentle manner, he became even more saddened, and asked me whether the Honourable Company then had no more compassion for him, that he had now for some time been so miserably ailing, and whether it was not enough that he pays the revenues in cash from his annual income out of the tolls of those mortgaged lands, and moreover must still miss 1500 rop:s annually on account of the war expenses, whereas he had hoped that he would have received some relief in that regard; requesting that one would not be too hard on him, and promising that if his condition might improve somewhat, he would be grateful. It is known that his Court is needy, that he counts on his annual income from our tolls, and I am quite certain that as long as the war expenses are not cleared from his account, he will not willingly consent to having more deducted from it, or I would have to force it, or as they say, do it against his will and inclination; up to which point I think that one should not yet proceed with him in this matter. And since we nevertheless enjoy the income from those lands annually, and it could perhaps well happen that his Highness, because of The letter has also been delivered together with the presents for his Trevancoor Highness, which prince still appears to be in an exceptionally good mood and well pleased, with whom I also still harmonise very well and maintain a friendly correspondence. His Highness has again not delivered the promised pepper this time; on the contrary, he has delivered even less than last year, but has now been quite embarrassed about it and therefore wanted to make me believe for a long time that the pepper delivery was not yet completely finished, in the hope that his well-known neediness in the end will perhaps indeed have to resolve to leave the aforementioned lands to us finally in ownership for that sum, and such would also square with the esteemed intention of Your High Excellencies, so I request permission to leave that entry for the present still on a separate account, and moreover to make it known on the ordinary annual account by a memorandum as a reminder, until at least the war expenses shall have been paid, unless his Highness, as said, might in the meantime willingly incline to have something deducted annually from that debt as well, or else surrender the lands entirely in ownership. his he he would have been able to collect some early pepper of the new crop to then ostensibly let it serve as a supplement to the latest delivery; but since I pressed too strongly just to close the annual account, and let it be known that his Highness should not keep me waiting, and would please just declare whether he wanted to settle the accounts or not, he subsequently let me know through a confidant how he regretted that he had not been able to keep his word, that in hindsight he now wished he had not given me such firm assurances, that he now had a double grief and a double loss: a grief with the Company and a grief with the English, since I continually did not leave him in peace, but repeatedly reproached him that he misled me and does not keep his word, and the English, to whom the reduction of their contingent has become known, daily make sharp reproaches to him about it, neither of which would have befallen him if he had not indeed intended to deliver 3000 Candyls of pepper to the south, in which he has now been prevented by the well-known bad crop and the still continuing smuggling; a double loss, because pepper having been expensive on Coromandel this time, and he, notwithstanding the crop failure, nevertheless having delivered nearly as much pepper as last year, has therefore now been able to send much less pepper to Coromandel, which lesser quantity and high market had thus brought him double damage, and finally he requested that I would not make things difficult, under assurance that his Highness would well satisfy me, have the pepper account settled shortly, and send the chief pepper supplier Coemara Poela for that purpose. Therefore I let the King's embarrassment rest, and only answered that at the settlement of the accounts I would explain myself further about this to Coemara Poela. This minister then also came down on the 8th of this month, closed the annual account with me as of the last day of January and settled it in such manner as is further demonstrated in the general letter: He seemed indeed to have foreseen that things would be tense this time; indeed, I had previously on several occasions already quite earnestly and among other things just recently, or actually on the 5th of February last, written about it to his Highness.

Dutch transcription

5: 114 De koning van Trevancoor in Eerbied te verthoonen, Hoe ik hem daar over onlangs eens op een zagte wijze onder„ houden hebbende, hij nog bedroefder wierd, en mij afvroeg of de EComp: dan Geen meede„ „lijden met hem meer had, dat hij nu eeni„ „gen tijd zoo elendig verzukkeld was, en of het niet genoeg was, dat hij van zijn jaar„ lijks inkomen uijt de Jollen van die verpande landen de revenuen in Contant betaald, en boven dien wegens de oorlogs ongelden Jaar„ „lijks nog rop„s 1500: missen moet, daar hij Gehoopt had, dat hij daar omtrent wat Soulaas zoude hebben Gekreegen; verzoekende dat men hem tog niet hard wilde vallen, en beloovende als zijn staat eens wat ver„ „beetert mogt werden, hij erkentelijk zoude zijn. Het is bekend, dat zijn Hot behoeftig is, dat hij op zijn Jaarlijx inkomen uit onze Jollen reekend, en ik ben wel verzeekert, dat zoo lange de oorlogs ongelden van zijn reek: niet afzijn, hij niet gewillig toestaan zal, dat men hem meer daar van aftrekke, of ik zoude het moeten forceeren, of gelijk men zegt, tegen wil en dank doen; tot hoe verre ik denke, dat men met hem ten dezen nog niet diende te procedeeren. En dewijl wij tog Jaarlijks de inkomsten van die Landen genieten, en het mogelijk wel zouden kunnen gebeuren, dat zijn Ho:t wegens Ook is de briev benevens de Geschenken voor zijn Trevancoorse ho:t afgegeven, welke vorst als nog in een bijzondere goede luijm en wel te vreeden schijnt te zijn, met wien ik ook nog zeer wel harmonieere, en een vriendelijke Correspondie houde. zijn Not heeft ditmaal weder de beloofde peper niet geleevert, in tegendeel zoo heeft hij zelfs minder Geleevert als verleede Jaar, dog is er nu al vrij wat verleegen over Geweest en heeft mij daarom een tijd lang willen doen Gelooven, dat de peper leverantie nog niet ten eenemaal uijt was, in hoope dat desselfs bekende behoeftighijd op het laatste mogelijk wel zal moeten resolveeren om ons de Gem: Landen voor die somma finaal in eijgendom overtelaten, en zulks ook met de G'eerde intentie van uw Hoog Edelhee„ „dens zoude quadreeren, zoo verzoeke ver„ „lof om die post voor eerst nog op een aparte reek: telaten, en boven dien bij d'ordinaire Jaarlijxe reek: per een Nota ter herinne „ringe ook bekend te stellen, tot dat ten minsten de oorlogs ongelden zullen betaald zijn, ten waare zijn Ho:t, Gelijk Gezegt, in„ tusschen gewillig mogt inclineeren om Jaar„ „lijks op die schuld ook iets telaten inhouden, dan wel de landen Geheel in eijgendom over„ te geeven. desselfs hij 11. hij wat vroege Peper van het nieuwe ge¬ „wasch zoude hebben kunnen bij een brenge om die dan Guanswijs te laten dienen tot supplement van de Jongste leverantie; dog zedert ik te sterk aandrong om de Jaar lijkse reek: maar te sluijten, en weten liet dat zijn Hot mij niet moest ophouden, en maar geliefde te declareeren, of hij wilde afreekenen of niet, zoo liet hij mij daar na door een vertrouweling tekennen geven„ hoe het hem speet, dat hij zijn woord niet had kunnen houden, dat hij nu van agteren wel wenschte mij zulke vaste verzeeke„ ringe niet gegeven te hebben, dat hij nu een dubbeld verdriet en een dubbelde schaade had: een verdriet bij de Comp: en een verdriek bij de Engelse alzoo ik hem bij Continu „atie niet met ruste liet, maar telkens verwijte, dat hij mij misleijd en zijn woord niet houd, en de Engelschen, bij wien de verminderinge van hun Contingent is bekend geworden, hem daar over dagelijks bitse verwijtingen doen, welk een en ander hem niet zoude overeengekomen zyn, indien hij niet in der daat voorneemens was ge¬ „weest 3000: Candijlen peper om de zuijd te leeveren, waar in hij nu door het bekende slegt gewasch en de nog al Continueerende Smokkelarij, belet is geworden, een dubbeld verlies, om dat de peper ditmaal op Cor„ mandel duur geweest zijnde, en hij ong'agt het misgewas evenwel omtrend bij na zoo veel peper als verleede jaar gelevert hebbende, dus nu veel minder peper na Cormandel heeft kunnen zenden, welke mindere Quantiteijt en hooge markt hem dus dubbelde schaade toegebragt had, en eindelijk verzogt hij, dat ik mij tog niet moeijelijk wilde maken, onder verzeeke„ „ringe, dat zijn Not mij wel te vreede zoude stellen, de peper reek: eerstdaags laten vereffenen, en den hoofd peper leve„ „rancier Coemara poela daar toe afzenden. Derhalven liet mij 'skonings verleegenthijd aanleunen, en gaf eenelijk tot antwoord, dat ik bij de afreekeninge mij teegen Coemara Poela daar over wel nader verklaren zoude. Deeze minister is dan ook den 8. ' dezer afge„ „komen, heeft de Jaarlijkzer reek: met mij ge„ „slooten onder ult=o Januarij en zoodanig vereffent, als bij de Gemeene brief nader aangetoond word: Hij scheen wel vooruijt„ gezien te hebben, dat het ditmaal spannen zoude; Trouwens ik had bevoorens eens en andermaal al vrij ernstig en onder andere nog maar onlangs of eijgentlijk den 5. fe„ bruarij J„o leeden, daar over aan zijn No=t verlies 115 in

NL-HaNA_1.04.02_3380_0125 view scan ↗

English

116. written in this manner. I have seen with much astonishment and great sorrow that I have no more pepper to expect on account of the latest delivery. That looks fine indeed! What shall I say of this now! Are these the means to increase our so good harmony and friendship? What must and what shall I write to Batavia now! Have I deserved, worthy King, to be misled again for the second time, and even this time to be disappointed even more than the first time? Now one comes forward again with the ordinary excuses of crop failure and smuggling, which excuses I have already so often refuted that it is not necessary to do so again herewith. Besides this, I have smuggling of pepper guarded against as strictly as has ever yet been done here; I even expressly keep an own cruising vessel, which I had made here for that purpose, merely to please Your Highness, and have watches kept everywhere on the beaches and before the river, so that not a single grain of pepper may pass. The Paliath Achan also spoke with me in detail about everything upon his return, but I shall explain myself further regarding various matters, in particular regarding this miserably poor pepper delivery, to Coemara Poela, whom Your Highness has sent hither to close the accounts and collect new pepper passes; and therefore I could wish that Coemara Poela, who as I hear still has some business to do at Coilang and on the way, were only here now, for I intend to tell him the plain truth. Thus he had even brought along the Paliath Achan, being a minister who is no less shrewd, yet quite as crafty and eloquent of tongue, and who, having recently been at the Travancore Court, had also spoken with His Highness about the pepper with my prior knowledge. Coemara Poela even purposely let all his servants remain outside (who are otherwise accustomed to run inside along with him). It then also went very hotly upon that occasion, and I presented the various matters to him in the most piercing manner and made several sharp reproaches regarding this delivery; but however closely I pressed him, all his replies and excuses agreed with the words of his master or of his confidant sent to me, patiently enduring 117. my scornful expressions, which he is otherwise not accustomed to do, pleading primarily the poor crop, calling the whole of Malabar to witness thereof, saying that it was unreasonable to want to pick more fruits than had grown; promising in the most solemn manner that no pepper would now be sent to Coromandel before the contracted pepper to the south had first been delivered, and that His Highness, in proof thereof, now requested not ten, but only six passes. It occurred to me at once that he might sometimes the following year, or at another time when it suited his purpose, claim these four fewer passes, so I presented this to him; but he beat his breast and swore that neither in the coming year nor ever after this would he claim this lesser number of pepper passes, that His Highness now desired only six and not ten passes expressly because, being truly minded to deliver much pepper now, he will thus just be able to make use of six pieces for himself, the more so because this year he also had to deliver something more than recently to the English at Anjengo in order to remove the displeasure they had with him, which latter he said to me out of a sort of confidence, however with the addition that the English would get no pepper before ours had first been delivered. Whereupon I then lessened my severity and said at last that it was well then, but that he must not take it amiss of me that I would this time greatly reduce the ordinary present, for the reason that the delivery this year had been less than last year, but that if the delivery next year should be large, the present would then also be increased accordingly; whereat he looked somewhat perplexed, but answered with modesty that I will see from the facts that more pepper would be delivered, and that he thus hoped to enjoy a larger present next year as well. And thus the settlement of accounts ended with payment of that which His Highness was credited, the granting of only six pepper passes, and a solemn promise that this time no pepper would be transported nor also delivered to the English before the 3000 Candies to the south on account of the Company should first have been delivered, so that the Company, in case of crop failure or other inconveniences, this time

Dutch transcription

116. in dezer voegen Geschreeven. Jk hebbe met veel verwonderinge en Groote droefhijd gezien, dat ik voor reek: van de Jongste leverantie Geen peper meer te wagten hebbe: dat ziet er nu mooij uijt wat zal ik nu hier van zeggen! zijn dat de middelen tot vermeerderinge van onze zoo Goede harmonie en vriendschap wat moet en wat zal ik nu na Batavia schrijven! hebbe ik verdiend waarde koning dat ik nu weder voor de tweede maal mis¬ „leijd en zelfs deeze reijze, nog meer als de eerste reijze te leur Gesteld worde? nu komt men weder met de ordinaire exep„ ties van misgewas en sluijkerije voor den dag, welke exepties ik al zoo dikmaals ontzenuwd hebbe, dat het niet noodig is, zulks bij dezen weder te doen, buijten des zoo laate ik op het sluijken van peper zoo sterk passen, als nog ooit hier gedaan is, zelfs houde ik om Uho:t maar te believen expres een eijge kruijs-vaartuigse, dat ik daar toe hier hebbe laten maken, en over al aan de Stranden en voor de revier doe waaken, op dat er maar geen Corl peper moge passeeren: De Paljetter heeft bij zijne terug komste met mij ook over alles omstandig Gesprooken, dog ik zal mij over 't een en ander, in zonderhijd over deeze miserable slegte peper leve„ rantie, nader verklaaren, tegen Coema„ ra Poela, dewelke Uhot dit heen gezon„ „den heeft, om de reek: te sluijten, en nieuwe peper passen aftehaalen; en daarom wensche ik wel, dat Coemara Poela die zoo ik hoore te Coilang en onder weege nog wat te doen heeft, nu maar hier was, want ik meene hem de regte waarheid tezeggen. Dus had hij zelfs den Paljetter meede gebragt, zijnde een minister die niet min Schrander dog nog ruim zoo Gesleepen en bespraakt van Jonge is, en die onlangs aan het frevancoorse Hof geweest zijnde, met mijn voorkennisse zijn No:t over de peper ook Gesprooken had; zelfs liet Coe„ „mara Poela expres alle zijne bediendens buijten staan /:die anders Gewoon zijn mede binnen te loopen:/ Gelijk het dan ook bij die Geleegenthijd regt heet van de rooster ging, en ik hem het een en ander op de penetrantste wijze voorhield, en over deeze leverantie verscheide bitse verwijtingen deed; dog hoe na ik hem het vuur aan de scheenen ook bragt; alle zijne replicen en excusen accordeeren met het zeggen van zijn meester of van desselfs aan mij Gezondene vertrouweling, verdragende over Ge 117 Geduldig mijne schampere expressien dat hij anders niet gewoon is te doen, excipieerende voornamentlijk op het slegt Gewas, roepende de Geheele Mallabaar tot Getuijgen daar van, zeggende dat, het onredelijk was meer vrugten tewillen plukken als er gegroeijd waaren; beloovende op de plegtigste wijze, dat er nu geen peper na Cormandel zoude verzonden worden, voor dat eerst de Gecon„ „tracteerde peper om de zuijd zoude Gelevert zijn, en dat zijn Ho: ten bewijze daar van nu geen thien maar alleen ses passen requireerde. Mij viel ten eersten te binnen, dat hij somtijds het volgende Jaar of op een anderen tijd wan„ „neer het hem in zijn kraam tepas mogt koomen, deeze minder vier passen zoude pre„ „tendeeren, zoo hielde ik hem dit voor; dog hij sloeg op zijn borst en swoer dat hij nog in het aanstaande Jaar nog ooijt na dezen dit mindere Getal peper passen zoude preten„ „deeren, dat zijn Hot nu maar ses en Geen Thien passen begeerde, expres, om dat hij waarlijk voornemens zijnde nu veel peper te leeveren, dus maar effen van ses stux voor zig Gebruijk zal konnen maken, te meer hij dit Jaar aan de Engelse te ansjeng tog ook iets meer als laatst diende televeren om het ongenoegen dat zij op hem hadden uijt den weg teruijmen, welke laatste hij uijt een zoort van vertrouwen tegen mij zeijde, egter met bijvoeginge dat de Engelse geen peper zoude krijgen, voor dat de onze eerst Geleevert zal zijn. Waar op ik toen mijnen ernst verminderde en op het laatste zeijde, dat het dan wel was, dog dat hij het mij niet Qúalijk moest neemen, dat ik ditmaal het ordinair geschenk zeer verminderen zoude, om de wille dat de leverantie dit Jaar minder als verleeden Jaar geweest was, dog dat als de leverantie aanstaande Jaar Groot mogte zijn, het geschenk dan ook daar na zoude vergroot worden, waar op hij wel wat bijster zag, dog net beschijdenthijd ant„ „woorde, dat ik het bij de stukken zien zal, dat er meer peper gelevert werde, en dat hij dus hoopte aanstaande Jaar ook Grooter geschenk te zullen genieten. En dus eindigde de afreekeninge met betaa„ linge van het geen zijn hot Credit was, het verleenen maar van ses peper passen, en eene plegtige belofte dat er ditmaal geen peper zoude vervoerd nog ook aan de En„ „gelse gelevert worden, alvoorens eerst de 3000: Candijlen om de zuijd voor reek: van de Comp: zoude Geleevert zijn, op dat de Comp: bij misgewas of andere inconvenienten uijt ditmaal

NL-HaNA_1.04.02_3380_0127 view scan ↗

English

this time not only over the English, but even over the king's own trade, had the preference. It was indeed so now, and not otherwise. I know that one cannot force this article, and I am of the opinion that my applied firmness could not have gone any further, so as not to spoil the matter; at least it has nowhere appeared to me that His Highness has ever tried to excuse himself with such embarrassment and in such a modest manner as he has done now, which in my opinion is worthy of some remark, or at least better than if he had played the insolent part, or merely said that he had not been able to deliver more, since according to the prevailing system one cannot use violence for that purpose anyway; it is also the first time that he has been satisfied with fewer than ten pepper passes. It is also known that the English had considerably less pepper than usual this year, and they have also discovered for good that their contingent was intentionally reduced this time. Some of them who passed through here even let slip with a kind of resentment and reproach, as if the Dutch were aiming here to cause them prejudice in this matter. And although I dare not fully rely on the king's promise, it nevertheless seems not improbable that with the imminent new delivery at least somewhat more than usual will now be delivered, and thus I hope that Your High Excellencies will please remain satisfied with what I have done in this regard. As for His Highness's prospect of being the sole master here of the Jaffanapatnam tobacco, or rather of preventing the import thereof here, Your High Excellencies may please be assured that, although His Highness still yearns for it very much, I shall nevertheless continuously parry and reject his requests with discretion and grace. Meanwhile, I shall also be attentive, in case the lust for power of this monarch should go so far that he would want to eradicate the king of Cochim entirely, to then, according to Your High Excellencies' repeated recommendation for the Company, stipulate as much advantage thereby as shall be possible, and continue to urge for the cession of the land between the sea and the river from Coilan down to Chettua. And With The king of Sammorijn With the collecting of the revenues from the Samorijn's lands pledged to the Company, one continues until his arrears to the Company shall be liquidated, as there is almost no hope left to persuade that monarch to cede the same to the Company in full ownership, although I recently tried to do so once more, and then obtained report from good authority that the Sammorijn does not really have so much against it, as do the crown prince and his mother. The Moorish Regent Adij Ragia Also, with regard to the Moorish regent Adijragia, I shall leave nothing untried to collect as much as possible, even if it were by installments, his remaining debt on account of the cession of Cananoor and received cash in Suratta, as well as the old arrears of him and of Colastrij, without however proceeding against him in the most rigorous manner; I shall nevertheless retain his ship in pledge, and not allow it to depart out of the river so as not to be overly yielding, even if he wished to appease me with promises and might request to be allowed to have the same, just as I have noticed indirectly that he yearns very much for his ship, though he does not yet dare to ask me for it; yet recently with sweet persuasion I managed to get hold of some trade goods and among them also some Cardamom (which his people brought here, but secretly intended to turn into cash), although his servants, seeing that I intended to lay hands on it, kept up appearances by saying that they had orders to offer this and that to the Company; and I have secret information that more goods belonging to him are yet to arrive here and that there should also be cash among them; yes, that those envoys whom he had already promised last year to send are now actually about to arrive, but that they will not speak of any goods or cash until and before they see that nothing else can be done, and that they cannot persuade me to grant a delay. Thus far nothing has come of it, yet I am assured through a certain channel that I have that this time he will truly send some money and undoubtedly envoys, for which I long very much, because I hope then to speak seriously with those envoys and put the fire close to their shins. Furthermore, it appears from the general letter how much has meanwhile already been collected from Adij Ragia. yet The

Dutch transcription

118. ditmaal niet alleen voor de Engelse maar zelfs voor 'skonings eijge handel de prefe„ rentie hebbe. Het was tog nu zoo, en niet anders, ik weet dat men dit articul niet dwingen kan, en ik vermeene, dat mijne Gebruijkte ernst niet verder heeft mogen gaan, om de zaak niet te verbrodden; ten minsten mij is nergens gebleeken dat zijn Ho:t zig ooijt met die verlegenthijd en op die beschijdene wijze heeft trachten te verschoonen als hij thans gedaan heeft, het geen mijns be„ dunkens van eenige opmerkinge, ten min„ „sten beter is, als of hij den brutaalen speelde, of maar zeijde, dat hij niet meer heeft kunnen leeveren, dewijl men tog volgens 't leggend sijsthema daar toe geen geweld gebruijken kan, ook is het de eerste maal, dat hij zig met minder als met Thien peper passen heeft te vreeden gehouden. Het is ook bekend dat de Engelse dit Jaar vrij minder peper als ordinair gehad hebben, en zij zijn er ook voor goed agter gekomen, dat hun Contingent ditmaal expres ver„ mindert is, dit hebben zelfs sommige van hun, die hier Gepasseerd zijn, met een Soort van Gemelijkhijd en verwijt zig laten ontvallen, als of de Hollanders zig hier toelegden om hun daar in afbreuk te doen. En alhoewel ik niet ten eenemaal op 'skonings belofte durve staat maken, zoo Schijnd het egter niet onwaarschijnlijk of daar zal bij de op handen zijnde nieuwe le„ „verantie ten minsten nu wel iets meer als ordinair geleevert worden, en dus hoope„ dat uw Hoog Edelheedens zig zullen ge„ lieven voldaan te houden met het Geen ik ten dezen in't werk gesteld hebbe. Wat nu betreft zijn Nots. uijtzigt om hier alleen meester van de Jaffanapatnamse Tabak tezijn, of eijgentlijk om den invoer daar van hier te beletten, zoo Gelieven uw Hoog Edelheedens verzeekert te zijn, dat schoon zijn No:t als nog zeer daar na hunkert, ik egter zijne instanties bij Continuatie met discretie en Gratie ont„ leggen en van de hand wijzen zal. Jntusschen zal ik ook attent zijn, om inge„ „valle de Heerschrugt van deeze vorst zoo verre mogt gaan, dat hij den koning van Cochim Geheel wilde uijtdelgen, als dan volgens uw Hoog Edelheedens herhaalde recommandatie voor de Comp: daar bij zoo veel voordeel te bedingen als mogelijk zal zijn, en blijven urgeeren, op den afstand van het land tusschen de zee en de revier van Coilan af tot Chettua toe. En Met 119. De koning van Sammorijn Met het invorderen der Geregtigheeden van des Sanmorijns bij de Comp: verpande landerijen, word gecontinueert, tot dat zijn agterstal aan de Comp: zal geliqui„ deert zijn, alzoo er bij na Geen hoop meer is, om dien vorst te persuadeeren, dezelve aan de Comp: in eijgendom aftestaan„ schoon ik onlangs zulks nog eens gepro„ „beerd, en toen van goeder hand- berigt er„ „langd hebbe, dat de Sammorijn er Juijst zoo veel niet tegen heeft, als wel de kroon prins, en desselfs moeder. ook zal ik, met betrekkinge tot den moors De Moors Regent Adij Ragia regent Adijragia, niets onbezogt laten, om desselfs restand schuld weegens den afstand van Cananoor en ontfangene Contanten in Suratta, zoo meede de oude agterstallen van hem en van Colastrij, zoo veel mogelijk en al was het ook hij paaijen in te palmen, zonder evenwel ten rigoureus„ „ten tegen hem te procedeeren, egter zal ik zijn schip in pand behouden, en niet uijt „de revier laten vertrekken om niet al te toegeevende te zijn, alwaare het dat hij mij met beloften wilde paaijen, en verzoeken mogt, om het zelve temogen hebben, Gelijk ik van ter zijde gemerkt hebbe, dat hij zeer na zijn schip hunkert dog mij daarom nog niet durfd vraagen, dog onlangs hebbe met een soet lijntje, eenige Negotie en daar onder ook wat Cardamom, /:die zijn volk hier aange„ bragt, dog in stilte meende ten gelde te maken:/ weeten in handen te krijgen, Schoon zijne bediendens ziende dat ik er de hand op wilde leggen, aan de eere bleeven zeggende, dat ze ordre hadden om het een en onder de Comp: aantebieden; en ik hebbe heijmelijk berigt, dat er nog goederen van hem hier staan tekomen en dat er ook Contanten bij zouden zijn, Ja dat die zende„ „lingen dewelke hij verleede jaar al beloofd had, tezullen zenden, nu effectief staan tekomen, dog datze van geen Goederen off Contanten zullen spreeken, voor en al eer ze zullen zien, dat er niets aantedoen is, en mij niet kunnen bepraaten om uijtstel: tot nog toe is er niets van gekomen, egter word mij door zeker Canaal, dat ik hebbe, verzeekert, dat hij ditmaal waarlijk wat geld, en ongetwijffeld gezanten zenden zal, waar na ik zeer verlange, om dat ik hoope met die gezanten dan eens ernstig te spreeken en hun het uuur wat na bij de Scheenen te leggen: voorts blijkt bij de Gemeene briev, hoe veel intusschen van Adij Ragia reets ingepalmt is. dog De

NL-HaNA_1.04.02_3380_0129 view scan ↗

English

120. Fraud in the trade books. The previously committed general pardon for the deserters. Pursuant to the note in the postscript of my respectful letter dated May 1, the bookkeepers Kellensz: and Benning restarted their commission regarding the fraud committed in the trade books. However, instead of fulfilling the true intention and proper objective, their proceedings and method of investigation were now even more flawed and confused than before. It appeared to me that those men, however willing they may be to complete this commission satisfactorily, became increasingly confused and almost completely bewildered by the work. Lest they fall entirely into a chaos of confusion and the final error be worse than the first, I have, in order to finally bring it to a good end, presented to the head administrator van de Graaff, as keeper of the books here, whether he could spare the time for it. He has willingly taken it upon himself to handle this commission personally and has already made a beginning on it. Thus I now hope to soon furnish Your Right Honourables with a better and clearer report, upon which Your Right Honourables will be able to proceed with greater peace of mind in that delicate and critical case. Pursuant to the authorization granted by Your Right Honourables, I had a general pardon for the deserters published, to remain valid for one year after publication. However, only two have returned so far, who, for lack of a direct opportunity, were sent to Ceylon, with the written instruction that they must proceed to Batavia according to the express order of Your Right Honourables, just as their accounts have been closed accordingly, with a note appended stating that they crossed over to us from the English. I had initially intended to postpone the publication of the pardon until the bad monsoon, because it was formerly believed that the English, upon learning of such things, would send our deserters to Bombay, which cannot happen during the bad monsoon. However, as I was informed that this is more of a myth than the truth, and the English furthermore well know that our deserters, coming over at the discretion of the Company, are sometimes released with a shipment; to which is also added my belief that there is also a shortage of people in Batavia, 121. Payment to Eastern soldiers. Captain Bappa Jjendel Caret. Chettua and Cranganoor. Coilan. which is why we could recently only be assisted with 50 men, and thus I would have so gladly replenished that number during this open sailing season with discharged men and deserters, in order to provide Your Right Honourables, for my part, with every possible satisfaction; I already had the publication made on December 8, 1772. It has also become apparent that the English did not care about that pardon, since our deserters were not kept under tighter surveillance than usual, much less sent to Bombay or elsewhere. However, it is said that there are several who are only waiting a little while, expressly so that they remain free of all suspicion, and thus may have a better opportunity to come here without danger of being overtaken. Meanwhile, the present method of paying wages to the Eastern soldiers here will be continued, and furthermore, Captain Bappa Jsendel Caret was informed of the discharge granted to him by Your Right Honourables, should he be inclined to it. The fortresses of Chettua and Cranganoor are, since the repairs done to them, still in good condition, and are also kept in that state through daily oversight, about which I even personally have inquiries made accurately. In my respectful letter of May 1 last, I had the honour to inform Your Right Honourables how the resident of Coilan, Rosier, was ordered to provide his considerations on the submitted report of the committee of that time regarding Fort Coilan, and what in my view then needed to be put into effect. But the report he gave me concerning it did not meet my objective; it was moreover somewhat confused and unclear, so that I then, in order to proceed with greater certainty and peace of mind, sent the Secunde van de Graaff and Major Medeler there, assisted by the surveyor De Graaf, with recommendations to examine everything on that occasion with the utmost accuracy, and particularly the condition of the fort, and to provide their considerations. Upon their return, these delegates submitted such a report, with the accompanying drawing, as can be found among the appendices hereto. From this, Your Right Honourables will see

Dutch transcription

120. fraude bij de negotie boeken. De hier bevoorens gepleegde generaal pandon voor de Deserteurs. De Boekhouders Kellensz: en Benning hebben ingevolge het genoteerde bij post schriptum, van mijnen eerbiedigen geda„ „teert den 1. Meij, derzelve Commissie nopens de gepleegde fraude bij de Negotie boeken weder op nieuw begonnen, dog in steede dat ze aan de eijgentlijke intentie en het waare oogmerk zouden voldoen, zoo was hunne verrigtingen en manier van onderzoek, nu nog al vitieuser, en zelfs verwarder als de voorige, en het quam mij voor dat die menschen, hoe Gewillig zij ook zijn om die Commissie ten genoegen te volbrengen, daar in meer en meer Confus en het werk schier bijster worden; en op dat zij dus ten eenemaale in een Chaos van verwarringe mogten geraaken, en de laatste dwaling niet erger mogte zijn als de eerste, zoo hebbe, om tog eenmaal een goed eijnde daar aan te brengen, den hoofd administrateur van de Graaff, als houder der boeken alhier voorgehouden, of hij daar toe geen tijd zoude kunnen af„ breeken, die dan ook Gewillig op zig genomen heeft die Commissie zelfs onder handen te neemen, en daarmeede reets een begin Gemaakt heeft; en dus hebbe nu hoope uw Hoog Edelheedens eerlang een beter en duijdelijker berigt te zullen suppediteeren, waar op uw Hoog Edelheedens in dat nete„ „lig en Criticq geval met meer Gerusthijd zullen kunnen tewerk gaan. Jngevolge uw Hoog Edelheedens verleende Qualificatie hebbe een Generaal pardon voor de Dezerteurs laten publiceeren om stand te houden een Jaar na de publicatie, dog daar zijn nog maar twee terug Gekomen, dewelke bij Gebrek van directe Geleegenthijd na Ceilon gezonden zijn, met aanschrijvinge dat ze volgens expresse order van uw Hoog Edel„ „heedens na Batavia moeten, Gelijk dan ook hunne reek: zoodanig afgeslooten zijn, en daar bij een notitie gevoegd is, waar bij ge„ meld word, dat zij van de Engelschen tot ons overgekomen zijn. Jk hadde eerst Gemeend de publicatie van het pardon uijttestellen tot de Quaade mousson, om dat men wel eer gemeend heeft, dat de Engelse zulx teweeten komende onze de„ „serteurs dan na Bombhaij zenden, het gien in de Quaade mousson niet geschieden kan, dog dewijl ik g'informeert wierd, dat zulx meer een spreukje als wel de waarheid is, en de Engelse buijten des wel weeten, dat onze dezerteurs op de discretie van de Comp: overkomende, wel eens met een verzendinge vrij komen, waar bij ook komt, dat ik vermeende; dat men te Batavia ook waar schaars 121. afbetaalinge aand „sche militairen Capitain Bappa Jjendel Caret schaars van volk is, waarom wij laatst maar met 50: man hebben kunnen G'as„ sisteert werden, en ik dus dat Getal in deeze openvaart zoo Gaarne had willen restitueeren met verlossers en deserteurs om uw Hoog Edelheedens aan mijne zijde, tog maar alle mogelijke genoegen toetebrengen, zoo heb ik de publicatie den 8. ' xber: 1772. al laten doen, Gelijk het dan ook gebleeken is, dat de Engelse zig aan dat pardon niet gekreuwd hebben, nademaal onze dezerteurs niet eens korter als anders gehouden, veel min na Bombhaij of elders gezonden zijn: egter zegt men, dat er tog verscheide zijn die alleen nog maar wat wagten, expres op dat zij buijten alle verdenkinge blijven, en dus beetere Gelegenthijd mogen hebben om zon„ „der Gevaar van agterhaald teworden, hier te komen. Jntusschen zal bij de presente methode van afbetalinge der zoldijen aan de oosterpche militairen alhier Gecontinueerd worden, en is voorts aan den Capitain Bappa Jsendel Caret, uw Hoog Edelheedens aan hem G'accordeerde verlossinge indien hij daar toe mogte inclineeren, bekent gemaakt. De fortressen Chettua en Cranganoor zijn 't zeedert de daar aan gedaane reparatie als nog in die Goede staat, en worden ook daar Chettua en Cranganoor in gehouden door een dagelijks toezien, waar na ik zelfs in het particulier accuraat late verneemen. Bij mijnen Eerbiedigen van den 1. Meij Jongst„ „leeden, hadde de eere uw Hoog Edelhedens te bedeelen hoe het opperhoofd van Coilan Rosier gelast was, van zijne Consideratien te dienen op het ingekomen rapport der ge„ „committeerdens van dien tijd, nopens het fort Coilan; en het geen toen naar mijn ge„ dagten, diende in't werk gesteld teworden, dog het berigt dat hij mij derweegens gaf voldeet niet aan mijn oogmerk, ook was het boven dien wat verwart en onduidelijk zoo dat ik toen, om met te meer zekerhijd en Gerusthijd tewerk te gaan, den Secunde van de Graaff en den Majoor Medeler G'assisteert van den Landmeeter De Graaf, eens derwaarts Gezonden hebbe, met recom¬ mandatie, om bij die Gelegenthijd met de uitterste accuratesse, het een en ander, en ook voornamentlyk de Geleegenthijd van het fort te Examineeren, en van derzelver Consideratien tedienen, welke Gecommit„ teerdens bij hunne terug komste zodanigen berigt met de daar bij Gehoorende aftee„ „kening overgegeven hebben, als onder de bijlagen dezes te vinden is. Uijt het zelve zullen uw Hoog Edelheedens in zien Coster„ Coilan

← previousnext →