VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3399

Coromandel · 545 pages · 209 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3399_0388 view scan ↗

English

18 367 have yielded Mq: onc: 10 grains, as further appears from the report of the Assayer pursuant to the Resolution of the 22nd of November of last year, to which is also inserted the rough yield drawn up from it, to demonstrate that the same, upon minting into Rupees of 11 pence and 10 ½ grains, will yield a profit over what the same would yield upon sale of ƒ 12798: 9: or 34 ½ percent, but upon sale for the offer made for it of 6 new Naga- patnam pagodas, or ƒ 25. 4. —. the mark, only ƒ 7357:5:8: or 19 ¼ percent, as further appears below. Finding or Rough Yield of the un- dermentioned Mg: 179:1:10: on 2998 pieces, or Ma: ff 1686: 6:6: 3/6 Siamese tikals, which in the mint at Jaggernaikpoeram would yield: Namely 1779. . . . 10. on 29998 pieces of silver Siamese tikals, assaying on average 11 pence 9 grains, makes Mg: fine 1606: 6: 6: 16. costing according to invoice per Mg: ƒ 22=3: ample, or - - - - - - - ƒ 37122:10:8: 3: 11 1/16 deducted from this for the lesser assay that the said tikals come in short of 11 pence 10 ½ grains. 5: 18 17/16. Remains still; calculated at 21 ¼ Rupees weight per mark, making - Rupees 38491: 1/8. from which deduct, that lost in melting. - - 521: 17/6: There remains Rupees 37969 1/16 deducted for minting expenses at 13 1/16 pieces per mille. - 529. 13/4 Remains still Rupees 37440 1/4 which reduced at 3 pieces per 1 old pagoda, making pagodas 11093: 13: 16: or- - - - - - 49920:19:8: giving the aforesaid silver an advance of 34 ½ percent or ƒ 12798: 9: -. Upon Sale here The above-mentioned Tikals cost according to Invoice - - - ƒ 37122:10:8: but there was offered for it pagodas 6 new pieces per mark, making New pagodas 10675: 2: 60. or old- - . - - - pagodas 9884: 8:70: ƒ 44479:16:— The upper subtracted from the lower; thus it appears that no more will be gained on it than - - - - - - - ƒ 7357: 5: 8: Calculated at 19 ¼ percent. Ma g. 1769. 368 minting to send to Jagg help to settle the deficit of but whereby there is little hope to assurance that to revive the trade nothing will be left unattempted why it is resolved to the same For that reason we have on that day resolved upon the former, and to that end to send the same in the spring to Jag- gernaikpoeram and with which notice to the servants and to write to the servants, to have 100 pieces of the same melted together and assayed, and to communicate the findings thereof hither, and to await further orders from here. dutifully taken observance of Regarding the Main part of the Trade Books, we have dutifully caused to be car- ried out that which Your High Excellencies have pleased to succeed as desired to order upon the incoming report of the Trade Bookkeeper Johnibon, with respect to discharging the dif- ference concerning the monies that were assigned to settle the debit of the deceased cashier Paulus Loo- man, to the small Cash, and with reference to the remark made by Your High Excellencies, regarding the lesser surplus accumulated in this government in the book year 177½, than the book year before, we take the lib- erty to assure Your High Excellencies most humbly that nothing is left unattempted to revive the trade and to make the profits of a more favorable appearance, but as long as the Lands and the interior parts thereof remain in such, or the E in much more 369 books written off ƒ 10821:8:10: debited. and for what reason charged compensation troubled condition, because of the nu- merous war designs, there is little hope to suc- ceed therein according to wish. the Sloop the Hottentot is at the Further, in compliance with Your High Excellencies' venerated order, we have caused to be written off the books here, the Ceylon Sloop Den Hottentot, which was wrecked in the year 1750, at the Masu- lipatnam Roadstead, among several vessels, and the fiscal koning to continue the same and Further, by order of the session of the 11th of April of this year, have caused the Fiscal of this Head Settlement, Maartinus Koning, to be debited in the same, for an amount on account of a charged from Bengal, and not denied that to him, as a former Member of the of ƒ 10821:18:10:, or the share Political Council at Houghly, has fallen, in the com- pensation of the arrears of the Bengali Linen Suppliers Commelboos, Raadzi- kissor, and associates, on the money advances made to them since the Year 1767 until 1769, because he attested in his petition submitted on that day, that on account of his known needy state he is totally un- able to satisfy the same, and to that end the aforesaid entry has been taken into the Books here, and he may be permitted to address himself by Petition to Your High Excellencies, in order to of dis-

Dutch transcription

18 367 geworpen hebben Mq: onc: 10 gijn: naderblijkende bij het Rapport van den Essaijeur ter Resolutie van den 22. November J=o leeden, waar bij teffens geinsereerd is, het daar van op„ gemaakte Ruw Rendement, ter aantooning dat deselve bij vermunting in Ropijen van 11. penn: en 10. ½. grijn, opwerpen sullen een winst om wat deselve bij venkoop vonde op„r en ƒ 12798: 9: of 34.½ p=r C=to, dog bij verkoop voor het daar voor gedame bod van 6: nieuwe Naga„ patnamse pagooden, of ƒ25. 4. —. het marcq:, maar ƒ 7357:5:8: of 19¼ ten Hondert R=m, gelijk hier onder nader komt te blijken Bevinding of Ruw Rendement van de on„ dervolgende Mg: 179:1:10: op ps 2998. of Ma: ff 1686: 6:6: 3/6. tik als siamse, dewelke in de munt te Jaggernaijkp=n soude komen af te werpen: Eng. Namentlijk 1779. . . „ „. . . 10. aan 29998: stuks silvere tik als siamse Escaijeeren door den anderen 11: penn: 9: grijn, komt Mg: fijn 1606: 6: b: 16. kostende volgens aan reecq: t Mg: ƒ 22=3: ruijm, of - - - - - - - ƒ37122:10:8: 3: 11 1/16 hier van afgetrocken voor het minder Essaij dat gem: tik als komen in te zouden dan 11. penn: 10½ grij 1. 5: 18 17/16. Rest nog; gereekend á 21:¼ Ropias swaarte per maak, uijtmakende - Rop.:s 38491: 1/8. waar van aftrecke, het ver„ loorene bij het smelten. - - „ 521: 17/6: Blijft nog Ros= 37969 1/16 gaat af voor 's muntsongelden a 13. 1/16 p=s, permil. - . „ 529. 13/4 Rest nog Rop:s 37440 1/4 dewelke gereduceerd â 3 / p=s p=s 1. oude pag:, uijtmakende pag: 11093: 13: 16: of- - - - - - „49920:19:8: geevende voorsz: silver een advang van 31½ pr =o of ƒ 12798: 9: -. Bij Verkoop alhier Bovengem: Tikals kosten volgens Factuur - - - ƒ37122:10:8: dog daar werd voorgebooven pag: 6 nieuwe p=o vrmark uijtmakende Nieuwe pagj: 10675: 2: 60. of oude- - . - - - pag 9884: 8:70: ƒ4479:16:— Het bovenste van het onderste afgetrocken; soo blijkt dat daar op niet meer gewon„ nen sal werden dan - - - - - - - ƒ7357: 5: 8: Reekend. 19¼ pr C=to R=m Ma g. 1769. 368 vermunting na Jagg te senden gelpen tot veroffering van den defoet van „dog waar door er weijnig hoope isom versekering dat tot opbeuring van den handel niet onbesogt werd gelaaten waar om besloten is deselve ten Uijt dien hoofde hebben wij ten dien dage, tot het eerste gere„ solveert, en deselve ten dien eijnde in het voorjaar naar Jag„ gernaijkpoeram te senden „en met welke aansz: aan de bed:t mMitsg=s de Bediendens aan te schrijven, om van deselve 100 stux bij den anderen te doen smel„ ten, en Essaijeeren, en dies bevin„ ding herwaards te bedeelen, en nadere ordre van hier af te wagten schuld pligtig genomen obsewante van Aangaande t Hoofddeel van De Negotie Boeken, hebben wij pligt schuldig ter uijt„ voer doen brengen hetgeen uw Hoog Edelens behaegd hebben aan n na wenrseh te reusteren op het ingekomen berigt van den Nego„ tie Boekhouder Johnibon te ordonneeren, ten opsigte van het ontslaan dif„ ferent omtrent de gelden die aan geweesen sijn geweest, tot ver„ effing van het Debet van den overleedene cassier Paulus Loo„ man, aan de kleene Cassa, en met betrecking tot uw Hoog Ede„ len gemaakte Remarque, no„ pens het minder te boven geleg„ de in dit gouvernement, in het Boekjaar 177½, dan het bokjaer te vooren, neemen wij de vrij„ heijd uw Hoog Edelens onderda„ nigst te verseekeren, dat niets onbesogt werd gelaten, om den handel op te beuren en de voordee„ len van een favorabelder aan„ schouw te doen sijn, dog soo Lan„ ge de Landen en de binnenste gedeeltens derselve soodanig, of ten E in zomeer 369 boeken afgeschreeven ƒ10821:8:10: gedebiteerd. en uijt wat hoofde kend vergoeding in die getroubleerde toeskand blij„ ven werden, van de meenig¬ vuldige oorlogs Desseijnen, is 'er wijnig hoope, om daar in naar wensch te sullen reuseeren. de Chialoup dehottentoch is bij de Nog hebben wij in naarko„ ming van uw Hoog Edelens gevenereerde bevel, bij de boeken alhier laten afschrijven, de in den Jaere 1750, ter Rheede Masu„ lipatnam, onder meerdere vaar„ tuijgen, verongelukte Ceijlon„ sche Chialoup Den Hottentot, en den fiskaal koning sij deselve von En wijders ter ordre sessie van den 11. ' april deeses Jaers, den Fiskaal deeser Hoofdplaetse Maa tinus Koning, bij deselve laten debiteeren, voor een montant ven continueeren, en niet onthen weeg:s een van bengale aangeree, dat hem, als geweese Lid in den van ƒ10821:18:10:, of het aandeel politique Raed te Houglijte, beurt gevallen is, in de ver„ goeding der agterstallen van de Bengaalsche Lijwaat Leve„ renciers Commelboos, Raadzi„ kissor C: S:, op de 'T seedert A=o 1767: tot 1769 aan Hen gedane geld verstreckingen, uijt hoof„ de hij bij sijne ten dien daage ingediende Request betuijgde, mits sijne bekende behoefti„ gen staat ten eenemaal on„ vermogend te weesen, om desel¬ ve te voldoen, en ten dien eijnde voorsz: post bij de Boeken alhier inge„ noomen, en Hem gepermitteerd mag werden, sig bij Requeste aan uw Hoog Edelens te mogen addresseeren, om de van ont.

NL-HaNA_1.04.02_3399_0391 view scan ↗

English

under which condition and instruction to him the Bengal ministers were requested to obtain relief therefrom, which being granted as aforesaid, consequently that debit was carried out both in the trade books and on his pay account, provided that he in addition furnish sufficient security, either by acceptable guarantors or by securing as many jewels, silverware, etc., as would be sufficient for the aforesaid amount, and at the same time instructed him not to mortgage or alienate the house purchased by him without our prior knowledge or special consent, just as that provision of security took effect accordingly; and what on his further requests the Bengal ministers were requested, the extracts from the Resolution taken in the Council of Policy at Houghly concerning the advances made to those merchants etc., from which the aforesaid debit had arisen, and at the same time that not only may it be noted in the heading of those extracts who of the members did not attend the meeting on that occasion, but also that there may be inserted in the same the notes or memoranda of the money advances made, which on such occasions were first brought in for resumption before one proceeded to the advance itself, all of which papers he believed he needed for his defense and discharge concerning that affair, and as foundation for his application to be made to Your High Excellencies to be relieved from that debit, but he humbly begs Your High Excellencies for pardon that he cannot attend upon the same on this occasion, so that it may please Your High Excellencies graciously to grant him delay until the next occurring opportunity, by which time he hopes to be provided therewith. Concerning the charges and expense accounts, we find nothing worthy of Your High Excellencies' attention regarding the monthly and other ordinary charges, as nothing extraordinary has come before us in that regard; thus the chiefs of the subordinate stations have been authorized, under the necessary recommendations and remarks, to write off the same; and in which regard we take the liberty to refer with all respect to our resolutions passed concerning this on 8 December of last year, 12 February, 11 April, 8 June, 22 September, and 22 November of this year. Only we have persisted, at our sitting of 8 December of the past year, regarding the provision of the monthly lamp oil at Bimilipatnam, concerning which they proceeded too arbitrarily there, in the determination of 152 lb per month previously made by Resolution of 2 February, just as there also 50 per cent has been reimbursed into the treasury for the ration of 384 jugs of arrack provided contrary to custom and orders; as also, pursuant to the resolution of 11 April, the excess double board money provided at Jaggernaijkpoeram to the second mate Jan Hansz, who as pilot brought the ship De Jonge Lieve there, as well as ƒ 200 of the cost incurred there for the repair of the chaloup De Walvisch, because upon examination of the account received thereof, having noticed the expenditure for that in various items, they proceeded far too thoughtlessly. In the same manner, by the aforesaid cited Resolution of 8 December 1779, there was left to the account of the chiefs at Bimilipatnam and Jaggernaijkpoeram, and therefore ordered to be refunded into the Company's treasury, the 150 pagodas provided by them to the Reverend minister Carel Willem Gebhart on the occasion of his recent church visitation to the factories to cover the necessary expenses, while retaining their recourse against His Reverence. However, upon the representations and objections made against this by the officials, that resolution for the restitution thereof was suspended at our meeting of 11 April last, and the said minister Gebhardt was permitted, upon his request made in that regard, to address himself to Your High Excellencies. His Reverence therefore takes on this occasion the humble liberty of presenting to Your High Excellencies his submissive two-part petition, and in the second or last part thereof most submissively implores Your High Excellencies that it may graciously please the same to relieve him of that imposed reimbursement, to which end he also takes the liberty to demonstrate the impossibility of being able to make and complete that journey out of his private purse without exposing himself to his further and total ruin, since he cannot possibly bear nor make good those unusual, though nevertheless necessary, expenses from his salary and board money, which in a year did not even amount to 400 new Negapatnam pagodas; wherefore, he having to make that journey, a gratuity may be granted to him to meet the expenses, or else, if not granted, such may be excused with the revered intention of Your

Dutch transcription

370 onder welke mits en last aan denselven de bengaalse ministers versogt is ontheffing daar van te erlangen, het geen gelijk voorsegd ingewilligd sijnde, dienvolgens die belasting sou wel bij de Negotie beken, als op sijn soldij reekening gevolg genomen heeft, mits dat Hij boven dien suff„ ficente cautie, het sij door accep„ table Borgen, dan wel sequree„ ring van soo veel Juweelen, silver werken Etc:, als voldoende weesen soude, stelle voor het voormeld bedrage, en Hem teffens gelast, het door hem gekogt Huijs, niet ze verpanden, off veraliëneeren, son„ der onse voor kennisse of speciale bewilliging, gelijk die borgstel„ ling daar op voortgang genomen Jtem wat op sijn instantie van heeft; en op sijne verdere gedamne Jnstantien de Bengaalse Minis„ ters versogt sijn, de Extracten uijt de Resolutie in Raade van Politie te Houglij genomen, wee„ gen de aan die Cooplieden C: S: gedame voor uijt verstreckingen, waar uijt voorsz: belasting voortge„ sprooten was, en teffens, dat niet alleen in het Hoofd dier Extrac„ ten genoteerd mogen werden, wie van de leeden bij die gelee„ „gendheijd de vergadering niet heb„ ben geadsisteerd, maar ook bij deselve mogen werden geinsereerd de notitien of Memorien der geda„ ne geld verstreckingen; dewelke bij diergelijke geleegendheeden. eerst ter Resumptie binnen ge„ bragt wierden, eer men tot de ver„ strecking selve overgong, alle welke papieren, Hij vermeende nodig te hebben ter sijner verand„ uijt ƒ woor 371 dierw=s versoed woorden kan en wat Extraord= te vooren gekomen dog wat voor reecq: der bimitis=: referto aan de besluijten dierwag:s zijn hol die afsz: gequalifieerd woording en de charge omtrent die affaire, en tot fondement van sij„ ne aante leggene Instantie aan uw Hoog Edelens, om van die belas„ vorm hijsgbijdes gelegentheer ing gereleveerd te werden, dog de, bid Hij uw Hoog Edelens ne drig om verschooning dat hij Hoogst deselve bij deese gelee„ gendheijd daarmede niet kan opwagten, dien volgens uw Hoog„ Edelens goedertiekendlijk behagen mag, Iem uijtstel te verleenen, tot per naast voorkomende geleegendheijd, teegens wanneer Hij Hoop daarmede voorsien te sullen werden. — nopens deselve nog niet ontfangen sijn ende opperhoofden der Comptoiren gekomen, dus sijnde opperhoof„ omtrend de onkost reecq:is mits De ongelden en onkostreekenin„ gen, vinden wij uw Hoog Edelens attentie waardig, niets te bedee„ hen, omtrent de maandelyxe en andere ordinaire ongelden, alsoo ons dien aangaande niets Extra ordinairis is te vooren den der subalterne Comptoi„ 6 ren, onder de noodige Recom„ mandatien en remarques, ge„ qualificeerd geworden, ter aff„ schrijving der selve; En waer„ omtrent wij de vrijheijd nee„ men, ons met alle eerbiedte re„ fereeren aan onse deerwee„ gens gevallene besluijten van den 8: december des gepasseerde 12: febr:, 11:' april, 8: Junij 22:e 7ber: en 22:' 9ber: deeses Jaars, eenelijk hebben wij de verstrecking van de maandelijkse Lampolij te at E Bimi„ 372 en onder welke vrijheijd die ook gelast de door den predi„ lant aldaar genootene 1560 Jag: 1a Bimilipatnam, waaromtrent aldaar te wille keurig wierde te werk gaan, ter onser sitting van den 8:' december des voorlee„ den Jaars gepersisteerd, bij de ter Resolutie van den 2:e: februarij de¬ voorens gemaakte bepaling van 152: lb: ter maand, gelijk ook aldaar met 50: p=r C=to in Cassaa gerembourseerd is, de teegensdo gewoonte en ordre verstrekte Randsoen van 384. kannen arast Cassa te restitueeren soo meede na het besluijt vanden en Jag: openhorft gelaten is 1. april, het te Iaggernuijk„ poeram te veel verstrekte dub„ beld kostgeld aan den onderstuur¬ men Ian Hansz:, die als Loots het schip De Jonge Lieve aldaar gebragt heeft, als ook van het bekostigde ginter tot de repera„ tie van de Chialoup De Walvisch ƒ 200:, om dat bij examinatie van de daar van bekoomene Reekening, het opgebragte daar voor, in diver„ se articulen ontwaard hebben, veel te onbesonnen is te werk gegaan, Inselver voegen heeft men ter voorsz: aangehaalde Resolutie van den 8.' December 1779. , voor reekening der opperhoofden te Bimilipatnam, en Iaggernaijkpoeram gelaten, en mits dien gelast, in 's Comp:s Cassa te res„ titueeren, de door haar aan den Eerwaarden predicant Carel wil„ lem gebhart, bij geleegendheijd sijner Iongste kerkelijke visite op de factorijen, tot het doender nodige ongelden verstrekte 150: pagooden, mits haar quarant op sijn Eerwaade behoudende, tie 5 dog 373 van die vergaed ing gelibereerd. laast, van ged: heijse g'excuseerd te blijven en tot het doen der visite na de Comp toire een Douseur mags toe gevoegd dog op de door de bediendens daa teegens gedane Demonstratien, werden en waarom ingebragte beswaernissen, is dat besluijt, ter restitutie derselve, ter onser bij een komste van den 11' april J=o leeden, gesurcheerd, en ge dagten predicant gebhardt op sij„ ne dierweegens gedane Jnstantie gepermitteerd, sig aan uw Hoog 68 Edelens te mogen addresseeren; versoek door voorm: predicantonsijn Eerwaarden neemt dierhal„ ven bij deesen geleegendheijd, de nedrige vrijheijd uw Hoog Ede„ lens aantebieden, sijn onderda„ nig twee Leedig Request, en smeekt bij het tweede of laet„ ste Lid derselve, uw Hoog Ede„ lems op het submiste, Dat Hoogst deselve goedertierendlijk behagen dog bij non inwilliging van het mogen, hem van die opgelegde vergoeding te Libereeren, ten wel„ ken eijnde hij sig teffens ver„ vrijmoedigt te vertoonen, de on„ mogelijkheijd om die reijse uijt prievebeurs te kunnen doen, en volvoeren, sonder sig selfs aan zijn verdere en totaale Ruine te Exponeeren, dewijl hij die ongewoone, dog egter noodsakelijke ongelden, onmo„ gelijk supporteeren, nog goed maken kem, van sijne gagie en kostgeld, dewelke in een Jaar nog geen 400: nieuwe Nagapat„ namse pagoden, quam te impor„ teeren; dierhalven Hem, die reijse moetende doen, een Douceur toege„ legd mag werden, ter te gemoedko„ ming der onkosten, dan wel sulx met de gevenereerde Intentie van ver uw E

NL-HaNA_1.04.02_3399_0395 view scan ↗

English

374 recommendation of the respective parties, one adheres to the resolutions passed in that regard. And the said Secunde expresses his gratitude for the journey; Your Right Honourables being unable to agree to entirely excuse him, Jan van [illegible], from making the visit to the subordinate factories in the future. The known destitution of his Reverence, and the conviction from own experience of the scarcity and barrenness of these lands, where one can obtain nothing without spending the full price for shirts, and the necessity in which his Reverence found himself to make that return journey overland, in order not to be subject to the protracted nature thereof by sea—having departed from Bimilipatnam, he was forced to turn back twice due to a lack of water and provisions—also move us to support his Reverence’s aforementioned instances with our respectful recommendations, and to request a favorable fiat on his behalf. Regarding the article of short weights, measures, etc., we take the humble liberty to refer ourselves in general to the successive dispositions passed in that regard at our sessions of 8 and 27 December of the current year, 12 February, 11 April, 8 June, 17 August, 22 September, and 8 October of the current year; while in the meantime the Secunde of Sadraspatnam, 375 Mr. Jacob Pieter De Veijs, most submissively offers his humble gratitude to Your Right Honourables for the favorable release from the buyout amount charged to his account of 10¼ lb of cloves and 2¼ lb of nutmegs, to the amount of ƒ 60: 3: 8; and he further takes the liberty anew to implore Your Right Honourables' benevolence in like manner, to be released from the compensation imposed upon him by our marginal disposition of 8 June of this year, on the memorandum of short weights of the last day of February 1774, of 27 7/8 lb of cloves and 2 1/8 lb of nutmegs, both amounting, with the calculated agio of a 1/15 part, to ƒ 150: 2: 8; to which end we take the liberty of having his petition accompany this. Concerning the gifts, we shall, with the carriage obtained in that place for the currently dethroned Prince of Tanjore, act according to the orders given by Your Right Honourables in that regard by secret missive to the Governor. And we have furthermore the honor respectfully to inform the same that the Subah, through the factor of Mr. Paul Benfield—who mostly stays here to exchange the money paid from the products of the land—has once and again to the undersigned 376 Governor indicated that he would gladly be supplied with some cinnamon oil for his own use. Having been provided with some from Colombo a short time ago, 40 lb of the first and 4 ounces of the second mentioned were sent to him. In recompense thereof, His Highness, accompanied by a letter of which the translation is inserted in the resolution of the 6th of this month, has again presented the Governor with 7 pieces of fine doriahs, 2 wool shawls, and 2 pieces of honor robes, which have been appraised at 102 New Nagapatnam Pagodas or ƒ 325: —, and according to our aforementioned resolution the gift account has been credited for that amount, the same having furthermore been disposed of for that sum. As well as the gift mentioned in the resolution of 27 December of the past year, except for the horse noted therewith, which was indeed appraised at 40 pagodas, but no one was willing to take it over for that amount, as it is very old; therefore it was sold at public auction on the 8th of this month for 11 pagodas. Concerning the carpenter work and repairs, we express to Your Right Honourables our due obligation for the granted permission for the repair of the defects at Palliacatta. To that end, we shall send the surveyor Adam Henk with

Dutch transcription

374 voorschrijvens deri eeg=s men sig aan de besluijten dier„ weegens gevallen in betuijgd den sad- secunde den reijs sijn verpligting voor de uw Hoog Edelens niet konnende overeenstemmen, Hem Jan van de te doene visite der onderhoo„ rige factorijen voor het vervolg in het geheel te excuseeren; De bekende behoeftigheijd van sijn Eer„ waerden, ende overtuijging van en schraalheijd deeser Landen, daar men niets erlangen kan, sonder 'er hemden volgeld voor uijt te geeven, en de noodsakelijk„ heijd, waar in sijn Eerwaerden is geweest, om die te rug reijse overland te doen, ten eijnde aan delangwijligheijd derselve ter zeegelijk van Bimilipat„ nam vertrocken weesende, tot twee maalen toe, mitsgebrek aan water in provisien heeft eijge ondervinding, van de schaars, omtrend de onderwigten rekerent Ten op sigte van het Articul moeten te rug keeren, niet subject te weesen; doen ons ook de Heer„ diesse gebruijken, sijn Eerwaar„ dens voorm: Jnstantien, met on„ se Eerbiedige voorschrijvens te ondersteunen, en een gunstig fiat voor denselven te versoeken. van onderwigten, Maten etc: neemen wij de needrige vrijheijd, ons dien aangaande in het gene„ raal inselver voegen te refe„ reeren, aan de successive deer„ weegens gevallene dispositien ter onser settinge van den 8: en 27:' December A=o C=o, 12: febru„ arij, 11:' april 8:' Junij, 17:' Augus„ tus, 22: September en 8: october anno Curenti; Terwijl intusschen onthoffing van een opgelegde en Sadraspatnamsen secun„ moe de 375 Vergueding van ƒ60: 3: 8:, groot ƒ150:2:8: ook gelibereerd te werden lb Canneel en 4. oncen d=o blij ge„ vorst van tansjour sal volg:s or„ dre gehandelt werden de Mr. Jacob Pieter De Veijs, uw Hoog Edelens, onderdanigst sijne nedrige dankbaarheijd offereerd, voor de gunstige ontheffing van met het ontfang: reijtig voor den het Hem opreekening gestelde uijtkoops bedraagen van 10¼ lb nagulen en 2¼ lb: noten, ten en met versoek om van een ande porte van ƒ 60: 3:8:, en hij neem wijders op nieuw de vrijheijd, uw Hoog Edelens goedertierendheij inselvervoegen af te smeeken, hem ter onser marginale dis onder positie van den 8:' Junij deeses Jaars, op de memorie van onder wigten van ult=o Februarij 1774. opgelegde vergoeding van 27. /8 lb: Nagulen, en 2. 1/8. lb: nooten, beijde met het bereekende opgeld van —: 1/15. gedeelte monteerende ƒ 150:2:8: om gelibereerd te werden, van de enabab is op zijn versoek 40. neur„ En wij hebben voorts de Ten belange van de Schenkagien, sullen wij met het bekomen Rijtuijg in d=o p=o voor„ den tans gedetroneerden Tans„ Joersen vorst, sodanig hande„ len, als uw Hoog Edelens deer„ weegens gegeevene ordre bij secree„ te missive aan den Gouver„ „diciteerd; Eere, Hoogst deselve Eerbiedig te bedeelen, dat den souba door den Factoor van M=r Paul Benfielt, die sig meesten tijds hier ophoud, om het geld, dat uijt de producten van het Land werd betaeld, al„ heer te verwisselen, een en ander mael aan den ondergeteekenden ten welken eijnde wij de vrijheijd neemen, sijn Request desen te doen versellen ten gou 376 brief met een geschenkge„ stileerd haeft dat op 102. pag: getaxeerd en bij men is enging van houtwerken dat heen sal verden gesonden ank betuijging voor de permissie tot gouverneur te kennen hebbende laten geven, dat gaerne met eenige par„ canneel olij, gerieft wilde sijn, tot eijge gebruijk, men voor eenigen tijd gele, gehalven een paard den daermeede van Colombo voorsien geraakt sijnde, 40: lb: van het eerst, en 4: oncen van het tweede gemelde, tot welkers recompens lijven gesonden heeft, tot Recompens van dien, heeft sijn Hoogheijd, onder het Translaat, ter Resolutie van den 6:' deeser geincereerd is, weeder 7: stucken fijne Dourias, 2: walle sjaels„ en 2: p=s eerkleeden, dewelke op 102: de schenkagie reecq: ongend„ nieuwe Nagapatnamse pagoden, of ƒ325. — getaxeerd, en na Luijd on„ ser voormelde Resolutie de schen„ kagie reecq: daar voor bevoordeelt den goed zijn canneel, en eenige oncen soomeede een vorig geschenk soo meede het geschenk ter Reso„ geleijde van een brief, waar van dat laar vor 1 pag: verkotie dier halven op den 8. deeser pr aan den gouverneur laten vereeren, het verseligen der gebaekente palt: De Timmeragien en Reparatien weesende, deselve wijders voor dat bedragen van de Hand geset zijn, lutie van den 27. ' December des voorleeden Jaers vermeld, behal„ ven het daar bij bekend staende paard, Dat wel op 40: pagooden geschat is, dog niemand het sel„ ve daar voor heeft willen over„ neemen, als seer oud sijnde, publicque vendutie verkogt is geworden voor pag: 11: betreffende, betuijgen wij uw Hoog Edelens onse verschuldigde verplig„ tinge voor de verleende permis„ sie tot de Reparatie van de gebrae„ waar tot den lomdmeeter Henk bij e„ ken te Palliacatta, Wij sullen ten dien eijnde den Landmeeter Adam wee 3 God.

NL-HaNA_1.04.02_3399_0398 view scan ↗

English

that for the discharge of half His Honour's orders will be promptly observed Godlieb Henk, when the opportunity arises, or when we, through Your High Honours' kindness, are provided with the required timbers for that purpose, of which we are again in want due to the delay of the ship Vreedelust, to send him thither to undertake the remedy and repair thereof under his direction. In the meantime, the Palicol second Jan Onste offers Your High Honours his most humble gratitude for the high favor shown to him in validating half of the amount overspent by him beyond the estimate on the Palicol lodge, amounting to f 5241:10, authorization having accordingly been granted for the writing off thereof alongside the sum of the aforementioned estimate. Regarding the fortification works, we shall promptly observe what Your High Honours have pleased to command us in that respect, and accordingly, outside of that which, or for the restoration of which, Your High Honours have pleased to grant authorization, have nothing undertaken except what shall be necessary through daily repairs to keep the castle in order as much as possible; as far as the points Het Gevoel and De Reuk are concerned, where minor, but as yet no capital defects have been noticed. But with respect to the remaining three points, De Smaak, where since the departure of our advices of last year a capital crack has likewise manifested itself, Het Gezicht, and Het Gehoor, no repairs whatsoever can be made, especially to these latter two, because it is likely, seeing that the cracks already discovered not only widen more and more daily, but have also caused several new cracks through settling, that both bastions will, in a continuous rain, for the most part collapse, fill the ditch with rubble, and bring down the flagpole standing on Het Gehoor along with them. For this reason, all the artillery has already had to be removed from them, as well as the freestones to the quantity of 1523 whole, 140 half, two-foot, and 2446 one-foot stones from the beds, and furthermore taken into the ledger of the superintendent of works for accountability, together with storing the gun carriages under an erected shed. Meanwhile, with respect to the repair of the fort at Bimilipatnam, what Your High Honours pleased to command the undersigned governor in the secret letter will be dutifully complied with. Regarding the supply of grains, we shall lay in a three-year supply at the upcoming harvest. We would not have become destitute thereof had not the large distributions, which had to be made due to the increase of the garrison upon the arrival of the troops from Ceylon and the admission into service of the native warriors, caused a reduction in the same. And one would have ended up in even greater embarrassment if we had not taken care of this and had the opportunity, according to our resolution of 11 April of this year, to purchase 9000 parras of Bengal rice and 1325 parras of Northern rice at 9 fanams or 36 stuivers per parra, besides the 3500 parras of paddy and 4000 parras of rice with which the Bimilipatnam servants provided us with two vessels. The scarcity thereof has been almost general during this year, and we therefore, upon the representation made by the Porto Novo merchants that the lack of grain there was also so great that the washers, beaters, and other laborers were utterly unable to work, or rather to prevent their resulting migration to elsewhere if they were not timely provided with provisions, immediately sent 1500 parras of paddy thither from our stock here by two chelingas, and of this allowed 1000 parras to be furnished to the merchants, charging their account for it at 50 percent advance, and delivering the remaining 500 parras to the Company's servants there at 25 percent advance, just as, according to our resolution of 22 September last, the Palicat chiefs were authorized to sell from the paddy found there, with the exception of a two-year supply for the garrison there, to the needy people who depend on the Honorable Company, provided that they should at the same time ensure that a net 50 percent profit was made on it; just as previously at our session of 17 August, upon the great scarcity of paddy, rice, and other provisions shown at Pondicherry by Governor Law de Lauriston, and His Honour's request made that it might therefore be permitted, from the stock of paddy with which, according to the information he had of it, this city was still fairly well provided, the export of 50 garces

Dutch transcription

377 de voor de ontheffing van de helft H: Ed: ordre promt geobserveerd werden Godlieb Henk, bij geleegend„ heijd, of wanneer wij door uw Hoog Edelens goedheijd met de daar hoe vereijsschende Houtwerken, wan aan wij door het agterblijven omtrend de fortificatien alst: van het schip vreedelust op nieuw gebrek hebben, voorsien werden, naar derwaards laten overgaan, om de verhelping, en verpligting door den Palicolsseum herstelling derselve, onder hen van het te veel vertimmerde aldwaar den te neemen, Intusschen offe„ reerd den palicols secunde Jan onste, uw Hoog Edelens sijne allernedrigste denkbaarheijd, voor de hooge gunste hem bewee„ sen, in de validatie der Helfte van het door hem boven de Cal„ culatie aan de Palicolse Logie vertimmerd bedragen van totwelker ofse qualificatie vartenes ƒ 5241: 10:, sijnde mitsdien naer nopens De Fortificatie werken, sullen wij prompt observeeren het geen uw Hoog Edelens hebben behaegd, ons dien aangaand te beveelen, en mits dien buijten het geene waer toe, of tot welkers Restauratie Hoogst deselve qualificatie heb„ ben gelieven te verleenen, niets onderhemden doen neemen, dan het geen door dagelijkse Repara„ tien nodig sal weesen, om het kasteel soo veel mogelijk in or„ dre te houden; voor soo verre de punten het gevoolende Reuk betreffen, alsoo daar derwaarts qualificatie verleend, tot de afschrijving derselve neevens het montant der gemelde Calcu„ latie der aan En 378 het gesigt en gehoorgeen reparatien meer kunnen gevaan moeten afgehaalt werden het soat te Bimiliff=n aan welkleene, dog nog geen Capi„ taal gebreeken ontwaer werden„ waarom aan de Casteelspunten maar ten opsigte van de ove„ rige drie punten De smaek, /:waar aan 't seedert het af„ gaan onser voorjarige Avij„ sen, meede sig een capitale scheur geopenbaard heeft:/ Het gesigt, en het gehoor, daar sal insonderheijd deese twee laaste geen de minste Repara„ tien kunnen geschieden, nadien het waarschijnelijk is, uijt hoofde de reeds ontdekte scheuren, niet alleen dagelijks meer en meer verwijderen, maar ook door het sacken, verscheijde nieuwe scheu„ ren veroorsaakt hebben, die beij„ de Bastions, bij een aanhoudend Reegen, voor het grootste gedeelte instorten, de gragt met puijn opvullen, en de vlaggemast welke op het gehoor staet mee„ en 't geschut ltc: van deselve heeft de om verhalen sullen, om wel„ ke reeden men reeds al het ge„ schut van deselve, en de arduijn steenen ter quantiteijdt van 1523: heele, 140: halve, twee voeten, en 2 446: Een voets, van de Beddings heeft moeten laten weghalen, en voorts bij de boekjaar van den opsiender der werken ter ver„ antwoording doen inneemen, mitsgaders de affuijten onder een opgeslage Loots van olas naarkoning van de hoogeorde open ergen; Terwijl ten opsigte vande Herstelling van het fort te Bi„ milipatnam schuldpligtig nage„ komen sal werden, het geen uw Hoog Edelens bij de secreetebrief in aan e 309 van de granen staat een drie jaarige voorraad opgedaan te werden. waar door men daar van ontbloot ge„ raakt. seer algemeen en men heeft de aaom 1500 paar:s nalij na portige sonden aan den ondergeteekende gouver„ neur hebben gelieven te Beveelen. Ten Belange van Den voorraed van Granen, sullen wij bij de ophanden sijnde oogst, daar van een drie Jari„ gen voorraed opdoen, wij sou„ de daervan niet ontbloot sijn geraekt, in dien de groote ver streckingen, die er door de vergrooting van het quaam de schaarsheijd in deselver stit jag soen mits de aankomst van het volk van Ceijlon, en admis„ sie in dienst van de Jnlend„ sche krijgers, hebben moeten werden gedaan, geen diminu¬ tie in deselve heeft te weeg en wat daar van nog alopgedanis gebragt; En men soude in nog grooter verleegendheijd geraakt sijn„ indien wij daar geen sorge voor„ gedragen en geleegendheijd gehad hebben, na luijd onser besluijt van den 11:' april deeses Jaars 9000: parras Bengaasche, en 1325: p=r noords Rijst in te kopen, tee„ gens 9: f=s of 36: stver=s de paaren, buij„ ten de 3500. parras nelij en 4000. ps rijst, waarmeede de Bimili„ patnamse bediendens met twee vaartuijgen ons hebben voorsien, De schaarsheijd derselve is ge„ duurende dit jaar bij na alge„ meen geweest, en wij hebben daerom, op de gedane te kennen geeving van de Portonovose Coop„ lieden, dat het gebrek van gra¬ nen aldaar meede soo groot is, dat de wasschers, kloppers en an„ dere arbeijdslieden onmogelijk in staat waeren, te kunnen 9=e aa 380 waar van 1000 voor 50. en 500 teeg: 25. p=rCto advans leend omn 2. Jaaren voorraad te ver koper selve van 50 gersten verdogt teg:s 500 prC=to arbeijden, dan wel derselver daar uijt voort te vloeijene uijtwijking naer elders voor te komen, indien deselve niet tijdig met leevens„ middelen wierden voorsien, ten eersten met twee Chialengen 1500: parras nelij uijs onse voor„ raed alhier naar derwaards geson„ den, en daar van 1000. parras aande Cooplieden laten verstrecken, mitsgaders derselver reecq: daar voor met 50 p=rC=to doen belasten, en de overige 500 parras aan sComp:s bediendens ginter teegens 25 prC=tos afgeeven, soo als na Luijdonser resolutie van den 22. ' 7ber: Joleeden jtem na pall: qualificatie ver „ de Palliakatse opperhoofden gequa„ lificeert sijn, uijt de aldaar 6 te vinden nelij, met uijt sonde„ ring van een twee Jaarigen voor„ raad voor het guarnisoen aldaar, aan de noodlijdende menschen, die van d' E: Comp: dependeeren, te verkoopen, mits dat se tef„ fens sorge soude moeten dragen, dat daar op suijver 50: percento van pondicherij is een vervoerderge profiteerd wierde; gelijk ter on„ ser sitting van den 17:' Aug:s be„ voorens, op de vertoonde groote schaarsheijd van Nelij rijst en andere Levens middelen, te Pon„ dicherij, door den Heer Gouverneur Lau-de - Lauriston, en sijn Ede„ lens gedaan versoek, dat dierhal„ ven gepermitteerd mogte wer„ den, uijt den voorraad van nelij„ waar van na het berigt dat hij er van hadde, deese stad nog tennelijk wel voorsien was, den uijtvoer van 50: gersten raad 2:

NL-HaNA_1.04.02_3399_0402 view scan ↗

English

or to transport 11,000 parras for the sustenance of the poor, suffering congregation there, with further notification that an extraordinary service would thereby be rendered to the colony of his nation, have resolved that, although an exact inventory taken in the private warehouses of this town revealed no more than 40,000 parras, and it was thus believed necessary not entirely to strip this town of provisions—where the scarcity of grain was also beginning to increase more and more, given the meager supply thereof from the countryside, since all or the greatest part of the grain was consumed there itself for that same reason of scarcity, so that the price of nelij here had already risen to 5½ to 6 quarten, or 1½ mediet per fanum, and for which one could still barely be accommodated according to each person's needs, and that shortage would have been much greater and more distressing had care not been taken that the quantities of private rice imported here, both from Bengal and elsewhere, as well as from the north, were unloaded and sold, as took place, for 13 to 16 fanums per parra, and the export thereof had been prohibited to everyone—nevertheless, in order not to offend the said Mr. Law de Lauriston entirely by refusing his petition, to offer His Honour only a quantity of 3,000 parras, provided that his own chialengen and people must be sent there to purchase and transport the same from private individuals; however, the means have since been found to have that quantity delivered not from the stock of this town, but for the greatest part from the Mayavaram territory at Trimelewasel. The crop in the field still looks desirable, but a lack of rain is beginning to be felt, as since mid-October no or little rain has fallen, and therefore the new nelij care was sold no higher than 8½ to 9 quarten per fanum, whereas one is otherwise accustomed at this time of the year to buy 3½ to 4 medits, amounting to 14 and 16 quarten, for one fanum. We wish to hope for the best, and that by obtaining the necessary rain, the fear of an equal dearness as has existed in this year will be removed, and the great crop of nelij pessane, which is beginning somewhat to languish due to the drought, will revive again and deliver the expected, desirable harvest. Concerning the Domains, we take the liberty respectfully to present to Your Right Honours the prepared maps of the survey carried out of the villages Akrara noeretoer, Callasambadi, and Narriamgudi, according to which they were found to be 117,854 kuijlen of land larger than they had been known to be in the previous reports. In the meantime, the survey of the other villages has had to be suspended since then, both due to the recent troubles that arose and other intervening business and the indisposition of the surveyor Henk and the adigaar of the villages Nicolaas Campie, as well as the subsequent death of the latter, which however will be taken in hand again at the first opportunity. Regarding the revenues of this town, which were farmed out in the year 1772 for three years, and of which the term will expire next year, but that of the tap of drinks in two years, no changes have occurred, except only that pursuant to the resolution taken at our session of 10 September last, the farmer of the daily revenues of the Bazaar, Mootoo Kistna Naicker, together with his sureties, on account of his known insolvency, was dismissed and another appointed in his place named Segappa Poele, under the suretyship of the fellow natives Wisiaragoerittiaar and Ariappa Poele, who accepted that farm for the same price of 250 pagodas for the year 1774/75, and paid the arrears of the aforementioned dismissed farmer for the first six months of 1774, being 125 pagodas, and furthermore undertook to collect the farm monies of the last six months as well and account for them to the Honourable Company. We shall furthermore attempt, if possible, to introduce here at the upcoming farming out in August 1775 Your Right Honours' revered order contained in the extract minutes of the resolution of the Council of India on 2 August of this year, to have the farm monies paid in three installments, or every four months in advance, although we greatly doubt whether that command can be satisfied to satisfaction, as it has been customary here from of old to enter into the conditions regarding the payment of the money with the farmer at the farming out, that the farm monies shall be paid in two installments, namely: the first six months by the last of February, and the second six months by the last of August following, which, among the Malabar nation, by the long duration of that custom

Dutch transcription

381 of 11000 parras te vervoeren tot voedsel van de arme noodlij„ dende gemeente ginter, met verdere te kennen geeving, dat daar door een ongemeene dienst aan de Colonie sijner natie geschieden soude, beslote hebben, dat hoe seer door een neuwkeurig gedane opneem in de particulier pakhuijsen deeser steede, niet meer te vin„ den waren, dan maar 40000 par„ ras, en men dus vermeende, om deese stad, alwaar de schaers„ heijd van granen meede hoe langs hoe meer begon toetene men, niet ten eenemaal van Leevensmiddelen, te ontblo„ ten, daar den geringen aanvoe derselve uijt het Land, wijl al het graan of het grootste gedeel„ te derselve, om die selfde reeden van schaersheijd, daar selvs wier„ de verconsumeerd, oversulx de prijs van de nelij alhier reeds tot 5½. â 6: Quarten, of S=o 1½. me„ diet per fen=s gesteijgerd was, en waar voor men nog ter nauwer nood, na mate van ieders benodigtheijd heeft kon„ nen gerief raken, en dat ge„ brek veel grooter en smerte„ lijker soude sijn geweest, in„ dien niet gesorgd was, dat de soo uijt Bengale en elders, als de noord aangevoerde quan„ titeijten particuliere rijst alhier ontlost, en verkogt, gelijk geschied is voor 13: tot 16: fan=s de parra, mitsgaders den uijt„ het voer 382 staande deselve op trimelewaas afgegeeven te werden dog gebrak aan reegen voer der selve voor een ider ver„ boden was geworden, egter gem: Heer Lau- de-Lauriston, om door het refuseeren van sijne Jn„ stantie niet ten eenemaal voor het hoofd te stooten, syn Edele maar een quantiteijdt van 3000: parras aantebieden, mits chialingendaar te somen mits dat sijn eijge Chialen„ gen en volk dit heen sal moe„ ten senden, om deselve van particulieren in te koopen, en te vervoeren; dog men heeft 't seedert het middel gevonden om die quantiteijt niet uijt den voorraad deeser stad, maar voor het groot„ ste gedeelte uijt het Maijoe„ ramse gebied te Trimelewasel te gewenste staat van et gevade laten afgeven, Het gewasch op het veld staat als nog gewenscht, dog men begint gebrek aan regen te ken, alsoo 't seedert medio October geen of weijnig regengevallen is, was daar uijt geresulteerd is en daarom de nieuwe nelij Care niet hooger wierd verkogt, dan 8½. â 9 quarten per Tenum, daar men anders gewoon is, deselve in dees ge„ tijt van het jaar 3:½ a 4: mediten, uijtmakende 14 en 16: quarten voor hoope dierweegens van het bete een fanum te kopen, wij willen het beste hoopen, en door het erlan gen van de nodige regen, de Vrees voor een gelijke duurte, als in dee¬ sen Jaare geweest is, weggenomen sal werden, mitsgaders het groot ge„ wasch vande nelij pessane, dat door de droogte eenigsints begin te quijnen, weder op beuren, en de verwagte gewenschte oogst op het. bee 36 383 3. dorpen zijn heeft moeten gestaakt werden Basaar of en een aan sijn plaatsaangsteld is omtrent de inkomsten zijn geen verandering voorgevallen weeder voortte gavin leeveren sal. men wij de vrijheijd uw Hoog Ede„ lens eerbiedig aantebieden, de in„ gereedheijd gebragte Caarten van de gedane meeting van de doop en Akrara noeretoer, Callasambadij en hoe deselve bij moeten bevonden narriamgoedij, volgens de welke de„ selve 117854: kuijlen Landsgroter bevonden zijn, dan bij de voorige Rapporten bekend hebben gestaan, waar om de verdere meeting ondertusschen heeft men met de meeting der verdere dorpen 't see dert moeten staaken, soo mits de opgekomene Jongste troubelen als andere tusschen beijde ver„ oorsaakte beesigheeden en Jndispo„ sitie van den Landmeeter Henk en adigaar der dorpen Nicolaas Campie, mitsg=s het daar op ge„ volgd overlijden van deesen Laesten, gendheijd weder onderhanden staat genomen te werden; sijnde omtrent de inkomsten deeser steede als anno 1772: voor drie Jaaren ver„ pagt weesende, en waar van de tijd eerst aanstaande Jaar dog die van den tap der dranken over twee Jaaren sal komen te Expireeren, geen verandering voor„ dam dat den pagter vande gevallen, dan eenelijk, dat in„ gevolge het geresolveerde ter onser sitting van den 10: Sep„ tember J=o leeden, den pagter van de dagelijkse Jnskomsten van de Basaar, Moetoe -kistna naijker„ neevens sijne borgen, om desselfs bekend geraakte insolventie, af en een ander in sijn plaatssegap„ aanbieding van de kaarten van De Domainen Betreffende nen staat geleegentheijd dog het geen egter bij eerste gelee„ volgd „pa 384 ter weesende gedimoveerden der laaste 1/m. pagt penn: 3. maal sjaart sal ingefoerd werden en waarom dog aan dies volkomen voldoening wend getwijffeld. „pa poele genaamd, onder borgtogt van de meede Jnlanders wisiara, goerittiaar, en Ariappa poele aan„ van deselfve prijs van 250 pag: gesteld is, die die pagt voor de selvde prijs van 250: pagooden voor en met betaling van tetad„ en Jaare 1774/ geaccepteerd, en het agterweesen van voorsz: gedimo„ veerd pagter van de eerste ses maanden van 177¾ sijnde pag: 125: Jtem in palmender pagt pem b:etaald, mitsgaders aangenomen heeft de pagt penningen van de Laatste ses maanden meede in te palmen, en aan D: E: Comp: te ver„ de ordre ter inpalning der andwoorden, wij sullen voorts uu Hoog Edelens gevenereerde or„ dre vervat bij Extract notulen van 't het geresolveerde in Rade van Jndia op den 2. aug=s deeses Jaars, om de pagt penningen in drie termijnen, of telkens bij vier maanden voor uijt betaeld te krijgen, bij de aan„ staande verpagting in aug:s 1775. tragten, soo het mogelijk is, al„ hier meede intevoeren, Hoewel wij grootelijx twijffelen, of aan dat bevel wel tot genoegen sal konnen werden voldaen, alsoo het van ouds her, alhier gebruij„ kelijk geweest is, om bij de ver„ pagting met den pagter de Con„ ditien omtrent de betaling van het geld, aan te gaan, dat de pagt. penningen in twee termijnen, te weeten: de Eerste ses maanden, onder ult=o Ferbruarij, en de twee„ E de ses maanden onder ult=o aud:s daar aan volgenden, betaald sul„ len werden, het welk bij de mallabaarse natie door de lang„ duurigheijd van die gewoonte voor uijt een

NL-HaNA_1.04.02_3399_0406 view scan ↗

English

from the farmer of the mouth of the river, as far as it is concerned, being regarded as a law, will not easily be deviated from, although it is otherwise a very good matter, and the Honorable Company is greatly secured regarding the farm moneys due to Their Honors; awaiting the outcome thereof from time, we meanwhile take the liberty to present to Your High Nobles the copy of a request submitted to us by Remasandra Dewe, farmer of the revenues of goods imported and exported by sea, containing his grievances that, since he leased that farm as of the first of January 1772 for three years and a sum of 3710 pagodas per year, various matters, circumstances, and changes had arisen and occurred in respect thereof, which caused him much damage and took away a part of the profits thereof that he had envisioned, without it having been possible to foresee this upon accepting that farm, so as to have been able to regulate his bid made for it accordingly, namely: Firstly, that by the conditions entered into for that purpose, a copy of which we take the liberty to attach hereto for Your High Nobles' respected consideration, under article 19, it was properly contracted and stipulated that the farmer should levy nothing nor enjoy anything for all the cloths and linens which, by virtue of the placard issued by Your High Nobles under date of 3 December 1771 regarding private trade, were accepted by the Honorable Company and shipped with Their Honors' vessels, and for that purpose shipped out of the trade warehouses and made known by the Company's bill of lading, since by the payment of 20 percent recognition to the Honorable Company they should be exempt from all tolls and imposts; but that nothing was mentioned therein of such a toll-free transport of cloths with private ships and vessels as had first existed this year, after the placard referred to by Your High Nobles regarding the further arrangement made concerning the trade in linens etc. already conceded to the Company's servants and burghers under date of 13 May of this year was issued, on the occasion that the private vessel Mastenbroek departed from here, carrying with it for the first voyage a private shipment of linens to the sum, by estimation, of about 70000 pagodas, under payment of 10 percent to the Honorable Company; and that because he, in estimating those farm moneys, had counted on no other toll-free transport than that with the Company's ships departing from here for Batavia, which mostly consisted of only one, and at most two a year, and which ordinarily found their cargo in the Company's bales, this could therefore be only very small and of little detriment to the farm, wherefore the same had amounted to as high, and indeed higher, than the previous lease, when this toll-free transport did not yet exist; which would not have been done by him if such a private transport had had to take place at that time as well, and it was easy to understand that this must take away the largest part of the profits of the farm, for the reasons: A: That if this license did not exist, undeniably so many more linens would then be transported to other places, such as to Ceylon, Atjeh, Kedah, Malacca etc., for which the farm was paid, since the country had to be relieved of its products in one way or another, and the merchant, always striving for profit through the conduct of trade, sought for that purpose to devise all ways and means, a clear proof whereof was to be found in the aforesaid transport by the vessel Mastenbroek; for if this opportunity had not now presented itself for it, which nevertheless none of the shippers of cloths could have foreseen or known in advance so as to regulate themselves accordingly in the collection, and wherein therefore also lay enclosed a convincing proof that, although this permission did not exist, one nevertheless always sought to sell the products of the country and to make a profit therewith, they must always dispose of them in another manner, and indeed in that manner as had always taken place previously, or before the date of this permission, namely by sale here to other merchants to be transported, or else by a direct shipment elsewhere for their own account, in both of which cases the farm would have been paid on it, which now did not happen, and thus caused him, the Farmer, by a single shipment in the manner aforesaid, estimated at 70000 pagodas, more or less 1000 pagodas of damage. B: That it is very well to be foreseen that such a transport would by no means decline over time, but on the contrary would increase more and more, for the reason that the merchants thereby

Dutch transcription

385 van den pagter van de mond der rivier wat het selve behalft een wet aangemerkt wordende, niet Ligt daar van te divertee„ ren sal sijn, schoon het anders een seer goede saak is, ende E: Comp: grootelijx omtrent de Haer Ed: kompeteerende pagtpennin„ gen gesequreerd werd; welkers uijtslag, dan van de tijd af wag„ aan bieding van een request tende, neemen wij Intusschen de vrijheijd uw Hoog Edelens aan„ te bieden, het afschrift eener re„ quest door den pagter van de Jn„ komsten deater zee aangebragt en vervoerd werdende goederen Rema¬ sandra Dewe, aan ons overgegeeven behelsende sijne beswaarnissen, dat 't seedert Hij die pagt met primo Jaat 1772: voor drie Jaeren en een somma van 3710: pagoden sjaers geprigt hadde, ten opsigte van deselve verscheijde saken, omstandighee„ den, en veranderingen opgeko„ men en voorgevallen waren, en deselve hem veel schade veroor„ saekt, en een gedeelte van de voor„ deelen derselve, welke hij daar omtrent hadde voorgesteld, weg„ genomen hadden, sonder dat sulx bij het aanvaerden van die pagt te voorsien was geweest, om sig daar na in sijn daar voor gedane bod te hebben kunnen Reguleeren, Als: Eerstelijk dat bij de daar van aangegaane conditien, welkers afschrift wij de vrijheijd gebruij„ ken, tot uw Hoog Edelens g'eer„ de speculatie deesen bij te voe„ gen, sub articul 19. , welgecon„ tracteerd en bepaeld was, dat den ver pag 386 pagter geen tot hebfen, nog iets genieten soude voor alle de klee„ den en Lijwaaten, dewelke uijt kragte van het bij uw Hoog Ede„ lens onder dato 3:' december 1771: g'emeneerd placcaat omtrent den particulieren Handel bij de E: Comp: ge accepteerd, en met Haar Edele scheepen versonden, mitsgaders ten dien eijnde uijt de negotie pakhuijsen afgescheept, en bij 'sComp=s cognoisement bekend ge„ steld wierden, nadien door de betaling van 20: p:r C=to recognitie aan d: E: Comp: van alle tollen en imposten, bevrijd soude weesen, dog dat daar bij niets gewaegd wierd, van soodemi„ „gen tot vrijen vervoer der doe„ ken met particuliere schee„ pen en vaartuijgen als deesen Jaere eerst g'exteerd was, na dat het door uw Hoog Edelens geein„ plieerd placcaat wegens de nadere gemaekte schikking omtrent de Reeds aan 's Comp=s dienaren en Burgers gecon„ Cedeede Handel in Lijwaten &a de dato 13. meij deeses Jaars g'emaneerd was, bij geleegend„ heijd dat het particulier scheepje Mastenbroek van hier vertroc„ ken, en daar meede voor de eerste reijse een particulier versending van Lijwaten ter Somma, naar gissing, van C:C: 70000: pagoden geschied is, on„ der betaling van 10. p=r C=to aan D: E: Comp:, En dat dewijl Hij in het aanslaan van die pagt„ pen P: 387 op geen andere tolvrijen vervoe staet gemaekt hadde dan op die met sComp:s van hier naer Batavia vertreckende schee„ pen, welke meesten tijdsmaa in een, en ten Hoogsten in 2. sjaers bestondt, en die ordi„ nair Haere lading aan sComp:s packen vindende, over sulx maar seer gering, en van wij„ nig nadeel voor de pagt wee„ sen konde, dierhalven deselve, soo hoog, en selfs wel hoger als de vorige verpagting, toendee„ sen tot vrijen vervoer nog niet subsisteerde, bedragen hadden het welk door hem niet gedaan soude sijn geworden, indien en te dier tijd teffens een soodeme„ gen particulieren vervoer plaats had moeten hebben, en ligt te be„ grijpen was, dat sulx het grootste gedeelte van de voordeelen van de pagt, weg neemen moeste, om reedenen: A: dat deese Licentie geen plaats hebbende 'er dan indisputabel soo veel meerder Lijwaaten naar andere plaetsen, als na Ceijlon„ Atchiem, queda, Mallaca etc: vervoerd soude werden, waar voor de pagt betaalt wierd, nadien het land, op de een off ander wijse van haere producten ontlast werden moeste, en den koopman altijd door het drijven van den Handel naer voordeel tragtende ten dien eijnde alle weegen en mid¬ delen sogte uijt te vinden, en waar van een klaer bewijs te vinden had was. 388. was, in den voorsz: vervoer van het scheepje Mastenbroek, want indien sig deese occagie daartoe nu niet hadde opgedaan, het geen egter niemand der ver„ senders van doeken, hadde kon„ nen voor uijt seen, of weeten, om haar in den Jnsaem daar na te reguleeren, en waarin dus ook een overtuijgend bewijs opge„ slooten lag, dat of schoon deese toelating niet subsisteerde, men egter altoos de producten van het Land tragtede te verdediteeren, en daarmeede gewin te doen deselve den sig immer op een andere wijse daar van moes„ te ontdoen; en dat wel op die wijse als bevoorens, of proda„ to deeser permissie altoos plaets 66 gehad hadde, namentlijk door den verkoop alhier, aan andere taaf„ fiquanten, om te werden ver„ voerd, dan wel door een directe versending na elders voor haer eijge reekening, in welke beij„ de gevallen er de pagt van betaeld soude sijn geworden, dat tons niet geschiedede, en hem Pagter oversulx door een enkelde versending in voegen voorsz: geschat op 30'000 pagooden Plus minus 1000 pag: schaade toegebragt wierden. — B: Dat het seer wel te voorsien is, dat een soodanigen vervoer door den tijt gantsch niet vervallen, maar ter contrarie meeren meer toenemen soude, om ree„ den de Negotienten daar bij meer ge der

NL-HaNA_1.04.02_3399_0410 view scan ↗

English

would have an advantage over dispatch with the Company's vessels, since they might possibly agree with the owner or commanders regarding the freight for the same, at discretion, for much less than the transport with the Company's ships would amount to, quite apart from the fact that the merchant, eager for gain, seeing that he could obtain the transport of his goods in this manner with fewer charges than with the Company's vessels, would be encouraged thereby; and thus in this manner would also send a much greater quantity of linens than he would otherwise be inclined to do with the Company's ships, especially when the sale of the linens at Batavia turned out to be somewhat profitable, so that he reasonably had to anticipate from this an even greater loss for the coming year than he had already suffered this year, since it was indisputable that the more the aforesaid shipment increased, the fewer linens would be transported to other quarters for which the lease had to be paid. Secondly: that in the aforesaid lease conditions, art. 15, it had indeed been expressly permitted that all private ships sailing with the Company's pass and destined for this coast, yet upon their arrival here not being inclined to break bulk, but intending to sell it elsewhere outside the Company's territory, should nevertheless have to pay three percent toll for that; however, that this nonetheless did not take place regarding the aforementioned vessel Mastenbroek, which arrived directly at this main settlement from Batavia, but later, finding no market to the commander's liking, sailed with its full cargo to Madraspatnam, and having sold the same there, returned again and subsequently departed for Batavia with a cargo of private bales; although he had claimed the same in accordance with equity, the commander had nevertheless asserted and maintained that he was not obliged to do so according to the latest arrangement made by Your High Excellencies, but on the contrary could sell his cargo wherever he saw fit, without being required to pay any toll here; whereby he, the leaseholder, who through what was expressed in the aforementioned 15th article of the conditions had assumed at the acceptance of the lease that all private ships, without distinction, were subject thereto, and could not have foreseen that during the term of his lease private traders would come directly from Batavia and, on the basis thereof, dispute this, and that from this such a change would arise to his detriment, had consequently, contrary to his aforesaid expectation, also suffered a considerable loss of over 300 pagodas, as the cargo could well be estimated at 10 to 11000 pagodas, and which he maintained he had to expect would also increase from year to year, just as the private transport of linens was bound to increase. And Thirdly: that in the past year 1773, he had likewise suffered a considerable loss on the aforesaid lease, as well as on that of the city gates of which he was also the leaseholder, through the troubles that arose between the Carnatic Subah Mahometh Alijchan and the Prince of Tanjore, the subsequent siege of the city of that name, and the passing of the entire kingdom under the power of the Subah; whereby, on the one hand, all labor and trade in that country having come to a complete standstill for a considerable time, nothing had come down from the interior to be transported by sea, and on the other hand, the ships and vessels arriving here with such goods and merchandise as served for trade in the Tanjore region, and in which the principal commerce of this place consisted, had to depart again without being able to dispose of their cargo, for which consequently no toll was paid; to which it could reasonably be added that although the supply of the products of the country had since somewhat increased again, the trade and sale there of the goods formerly drawn thither had nevertheless remained in decay during this whole year, and still remained so, such that the Macao ships and many other vessels that had been here had to leave this roadstead again without being able to get rid of their merchandise, whereas the same would otherwise have been very eagerly sold and the leaseholder would have drawn his toll for it, since now all persons of means were ruined and had fled; and which would apparently continue in this manner as long as that kingdom remained under the power of the Subah and did not become a separate court, since the Subah, residing at Madraspatnam or thereabouts and not in Tanjore, had the same governed by an official, and received or bought everything he required for his state from the English, whereas the Prince of Tanjore

Dutch transcription

389 dek voordeel hebben, dan bij de v sending met 'sComp=s bodems„ nadiense met de eijgenaaar of gesaghebbers omtrent de vra voor deselve, naar welgeval¬ len, mogelijk voor veel minder accordeeren kunnen als den vervoer met 's Comps schee pen quam te belopen, ongeag nog dat den koopman begeerig na gewin siende, dat sijne go deren, op deese wijse met min der ongelden, dan met 'sComp=s bodems vervoerd kunnende krijgen, daar door geanimeerd werden; en dus op deesen wijse ook een veel groter quantiteijt Lijwaten, dan hij anders met 's Comp=s scheepen geneegen weesen soude te doen, versen„ „den soude, voornementlijk wan„ „neer den verkoop der lijwaten te Batavia wat voordeelig uijtviel, soo dat hij sig daer uijt voor het aanstaande Jaer met reeden nog een groter schade voorstellen moeste, dan hij dit Jaer reeds geleeden had„ de, nadien het Indisputa¬ bel was, dat hoe meer de voorschreeve versending op„ nam, hoe minder Lijwaten er na andere quartieren, waar voor den pagt betaeld werden moes„ te, vervoerd werden soude. Ten Tweeden: dat bij de voorsz: pagt conditien art: 15: wel expresselijk toe„ gestaan was, dat alle particuliere scheepen met 's Comp:s passa val rende, en naer dese kuste gedesti den. neerd e e 390 neerd, dog bij Haar aankomst al„ hier niet geneegen weesende, Hun lading te breeken, maar gesind die elders buijten 's Comp=s gebiedte verkoopen, daar voor egter drie percento tol betaeld soude moe„ ten werden, dog dat sulks des niet teegenstaande omtrent het voor„ melde bodempje Mastenbroek, dat van Batavia directte deeser Hoofdplaetse aangekomen, dog naderhand, als geen markt na des gesaghebbers sin vindende, met sij„ ne volle Lading naar Madras„ patnam geseijld, en deselve al„ daar omgeset hebbende, weder geretourneerd, vervolgens met een lading particuliere pakken, naer Batavia vertrocken was, egter geen plaets gehad hadde, alhae„ wel hij het selve conform de bil„ lijkheijd gepretendeerd, dog den gesaghebber egter beweerd, en staende gehouden hadde, daar toe niet verpligt te weesen, volgens de Jongste schicking door uw Hoog Edelens gemaekt, maar ten contrarie sijnlading ver„ kopen konde, waar het hem goed dunkte, sonder gehouden te wee¬ sen, om eenig tol alhier te be„ talen, waar door hij pagter, die door het gexpresseerde bij het voorm: 15: articul der condi„ tien, bij het aanvaerden der pagt verondersteld had, dat alle particuliere scheepen, sonder onder„ scheijd, daer aan subject waren, en niet had konnen voorsien, dat er staende sijn pagt tijd particulier wel d 8 re e 391 re traffiquanten direct van Ba tavia komen, en op fondement van dien, sulx betwisten, en daar uijt een sodanige veran„ dering ten sijnen nadeele ontstaan soude, oversulx teegen sijn voorsz: meening almeede een merkelijke nadeel van ruijm 300 pag: toegebragt was, als kun„ nende de lading wel op 10: â 11000: pagooden begroot werden, en het welk Hij sustineerde te moeten verwagten, dat even gelijk de pac„ ticuliere vervoer van Lijwaten stond toe te neemen, ook van Jaer tot jaer accresseeren soude. en Ten Derden: dat hij in den gepas„ seer den Jaere 1773, almeede bij de voorsz: pagt soo wel, als die der stadspoorten waer van Hij ook pagter was, een Considerable schaede geleeden hadde, door de ontstane onlusten tusschen den carnaticasen souba Mahometh alijchan, en den vorst van Tans„ Jour, de daarop gevolgde belege„ ring van de stad van die naam, en de overgang van het gansche Rijk onder de magt van den souba, waar door aande eene kant alle arbeijd en Handel daar te Landen, voor een geruijme tyt geheel en al stil gestaan hebbende, uijt het land ook niets afgekomen was, om ter zee vervoerd te werden, en aan de andere sijde de alhier aangekomene scheepen en vaar„ tuijgen met soodanige goederen en Coopmansz:, als tot negotie in het Tansjoersche diende, en pag waer 392 waar in de voornaemste Han„ del deser plaetse bestond, son„ der Haare Lading te kunnen van de hand setten, weeder hebbende moeten vertrecken, daar voor gevolgelijk geen tol betaeld geworden was, waar bij nog billijk gevoegd werden konde, dat of schoon den aan„ voer der producten des lands, 't seedert alweeder wat toege¬ nomen was, den Handel en verkoop aldaar, van de bevoorens ginter getrockene goederen, dit gantsche Jaer egter nog in verval was gebleeven, en als nog bleef, soo„ danig, dat de alhier aangeweest sijnde Macause scheepen en veel andere vaartuijgen meer, son„ der hare Coopmanschappen te kunnen quijtraken, deese Rhee„ 66 de weeder hadde moeten verla„ ten, daar deselve anders seer greetig van de Hand gegaan waren, en den pagter en sijn thol voor getrokken hadde, dewijl nu alle menschen van vermogen geruineerd en gevlugt waren, en het welk apparent wel soden nig continueeren soude, soo lan„ ge dat Rijk onder de magt van den souba bleef, en geen appart Hof wierdt, nadien den soubate Madraspatnam of daar omtrent, en niet in Tansjour Residee„ rende, het selve door een bedien„ de liet bestierers, en alles wat wat tot sijn staet benodigde van de Engelschen kreeg, of kogte, daar den Tansjoersen kun„ 3 vorst

NL-HaNA_1.04.02_3399_0414 view scan ↗

English

393. prince had to obtain his necessities from here, not to mention that whatever else was required in that principality from elsewhere, and previously sent from here or purchased here by its inhabitants, would henceforth be brought to and sold at Nagore by the English or through their mediation, to the considerable detriment of the sea customs of this place, which thereby, as well as due to the matters alleged in articles 1 and 2, would in time decay completely and become insignificant. And from this he, the farmer, over and above the losses already suffered in the past and current year for the reasons mentioned above, which he could not have foreseen upon entering the farm and for which no calculation had been made in the bidding of the lease money, also foresaw a notable loss in the coming year. For, he further adds, the more the roadstead of Nagore boasted ships and vessels, the leaner this farm at Negapatnam became, since Tanjore, being able to obtain necessities there, left virtually no commercial vent for the hinterland in this town. Fourthly: that furthermore, since on account of the aforementioned unrest, as well as the lean harvest of grains in the past and 394. this year, no export thereof to Ceylon and elsewhere had been permitted, but rather had been expressly prohibited, he, the farmer, since this was, among others, also one of the principal items that brought profit to the sea customs, had suffered a considerable loss in that regard, as well as at the town gates. Which loss, even if that interdict should cease in the coming year, would nevertheless continue as long as the Moorish government persisted in Tanjore, since the supply of grain to this town would never be as abundant as it had been under the prince, because they, requiring much grain due to the drought around their territories, employ everything that Tanjore yields for that purpose, and send it elsewhere where it is required in their states, not to mention that the English would seize whatever the subah did not care for, and dispatch it by sea from Nagore wherever they thought they might find a good market, whereas that nation formerly even transported grains from this town; further demonstrating that the damage suffered through all the aforesaid occurrences during his two already expired lease years was very substantial, and on account of the reasons alleged above, it was to be feared that he would have to undergo a similar detriment, with an added 395. request that, in consideration thereof, a favorable mitigation might be applied in his regard, and that he accordingly, both for the two past years and this current year, might be granted such a reduction of the lease money as would square with equity; further appealing to us, that all the matters cited above were not unknown to us. But because it is far beyond our competence to dispose thereof, we decided at our session of 22 November last to present that petition to Your Excellencies, as is hereby done in all respect, upon which we request a favorable disposition from Your Excellencies. The leasing of the Company's domains at Palakoll, under the ultimate of August last, fetched no more than f 5755:10:, thus f 622:2:8: less than the previous year. However, the officials having given no reason for this, the same has been demanded from them pursuant to our resolution of 22 November last. And the Pulicat chiefs have, pursuant to the resolution taken at our sitting of 22 September, previously been authorized to lease anew for three years to the former farmer the island of Erikan and the villages of Mangiewake and Ailrewake, along with the hamlet of Cannantorre, the lease of which expired at the end of August last.

Dutch transcription

393. vorst het benodigde van hier hebben moeste, ongeagt nog, dat het geene buijten des in dat vorstentom van elders wierd vereijscht, en bevoorens van hier gesonden, of door de Jnge¬ seetenen van het selve alhier in gekogt wierde, voortaan door de Engesschen of in Haere inter„ cessie te Naver aangebragt en verkogt werden soude, tot n Con„ siderabel nadeel voor de zee thol deeser plaetse, die daar door soo wel, als bij aat: 1: en 2: s geallegueerde saken, door den tijd nog geheel en al vervallen en niet noemens waardig wor„ den soude, en daar uijt hij pagten buijten en behalven de in den voor„ leeden en presenten Jaere, om reede de hier vooren gem: reeds geleedene schaade, die hij bij hiet aanvaerden van de pagt niet hadde konnen voorsien, en waarop oversulx in het bieden der pagt penn: niet ge„ cijfferd was, in het aanstaande Jaer ook weder een aanmerke„ lijke nadeel te gemoed sag, want, voegd hij 'er verder bij, hoe meer de Naoerse Rheede met scheepen en vaertuijgen pronkte, hoe schraal„ der deze pagt te Nagapatnam wierdt, nadien Tansjoer, aldaar het benodigde kunnende krijgen, er tie deeser steede gemtsch geen verthier voor het Land overbleeft. Ten vierden: dat wijders, mits de uijt hoofde van de voorm: on„ lusten soo wel, als den schralen oogst der granen in het gepas„ de seer 394. seerde, en dit Jaar geen uijtvoer van deselve naer Ceijlon en elders heb„ bende mogen geschieden, maarde„ selve wel Expresselijk geinterdi„ ceerd sijnde, Hij pagter daar door als sijnde onder anderen ook een van de voornaemste posten, die voordeel aan de zee thol toebrengt, daar omtrent soo wel, als der stads poorten een merkelijk verlies had moeten ondergaan, het welk„ of schoon, dat interdict in anno aanstaande al mogt komen te cesseeren, egter soo lang als de Moorsche Regeering in Tansjoer stand bleef houden, aanhouden soude, nadien den affvoer van gronnen na deese stad nooijt soo abundant als se onder den vorst geweest is, worden soude, ver„ mits sij, door de groote omtrent hae„ ren Landen, veel granen benodigen„ de, alle het geen Tansjour op lee„ verd, daar toe emploijeeren, en elders, daar het in hunne sta„ ten vereijscht wordt, versenden, ongeagt nog dat de Engelschen sig van het geene den souda niet aanstond, meester maken, en van nader ter zee overal, daar se dag„ ten een goede markt te krijgen weg stuuren souden, daar die natie anders of bevoorens selfs granen uijt deese stad vervoerden; wijders aantoonende, dat de schade door alle de voorsz: toe„ vallen, in sijne twee reeds verloope„ ne pagtjaaren, geleeden, seer im„ portant, en uijt hoofde van de heer vo„ ren geallegueerde reedenen, te vreesen was een gelijk nadeel te sullen moeten ondergaan, met een bijgevoegde mits ver 395 H Ed: besloten is te renvoijeeren voordragt van die instantie de pall: bed=s zijn gequalifi„ ceerd om nev=s gem: domijnen op„ appart: gevord zijn ƒ 622:2:8: minder gerendeerd dan 8:a p=a versoek, dat uijt Consideratie van dien, een gunstige miligatie ten sijnen Reguarde gebruijkt en hem oversulx soo voor de twee gepasseerde, als dit lopende Jaar, een soodani„ gen afslag van pagt pen„ ningen verleend mag wer„ den als met de billijkheijd qua„ dreeren soude sig wijders op ons beroepende, dat alle de hier voo„ ren aangehaalde saken ons niet waarom dat versoek aan H: onbekend waren, dog dewijl verre buijten ons bestek is om daar over te mogen dispo„ neeren, soo hebben wij ter onser sessie van den 22. e November Jleeden, beslooten, die Jnstan„ tie uw Hoog Edelens voor te dragen gelijk bij deesen in alle Eerbied geschied op het welke wij uw Hoog Edelens een guns„ tige dispositie versoeken. de verpagting te Palicol heeft De verpagting van sComps Do„ meijnen te Palicol, heeft onder ult=o aug=s J=o leeden, niet meer„ der opgeworpen, dan ƒ5755: 10: dus ƒ 622:2:8:, minder den 8=o p=o, waar van de reeden en vande dog de bediendens daar van geen reeden gegeeven hebbende, is deselve na Luijd onser Resolu„ tie van den 22. e November Lest„ leeden van haar gevorderd. Ende Palliacatse opperhoofden sijn in„ nieuw voor 3: Jaren te verpagten gevolge het geresolveerde ter on„ ser sitting van den 22. ' 7ber: bevoo„ ren gequalificeerd geworden, om het eijland Erikan ende Dorpen Man„ gie wake en Ailre wake, mits„ het gehugt Cannantorre, waar van de pagt tot onder ult=o aug=o J=o Cee„ den g'expireerd is, de novo voor drie Jaeren aan den oude pagter tige. af

NL-HaNA_1.04.02_3399_0417 view scan ↗

English

396 In place of the deceased guarantor for the general leaseholder of the Company villages here, Draadjawenkateesja Chittij, named Mahometh Miera seeg Mahometh Marcair, the native Ankim Riddij Naijker was again admitted as such, under the same conditions and restrictions under which the deceased had been admitted. Concerning the Bimilipatnam lease arrears, it is reported from there that for those of the leaseholder Anandapoele cum suis, which as of the last day of May 1774 still amounted to 11506 Ropias, no difficulty existed, because the sequestered property of the same, to the sum of 10635 1/8 Ropias, was well worth as much as it was appraised at. And therefore, at the request of the Vizianagaram princes, his arrested vessel was released, with the addition of a cargo from his seized salt, and in return a sum of 5000 Ropias was received on account of his aforementioned arrears. While for the remaining lease arrears of Nagamalloe Perentaal, amounting to 7201 7/8 Rop=s, the chief Jasper Theodorus Pfeiffer and secunde Isaak Brouwer each caused an amount of 1265 pagodas or 4466 1/8 Rop=s, both in jewels, gold, 397 and silverware as well as real estate, to be secured in order that the Honorable Company, if necessary, might be indemnified regarding those arrears; for which purpose, since it is learned that the said Perentaal and his partners are entirely insolvent and thus unable to pay from their own means, unless those debts are timely collected which they claim to have outstanding among various persons, both in borrowed money and unpaid lease, to the sum of circa 5000 Rop=s, besides another item of 506 Ropias due to him for vessels from the leaseholder of the river mouth, which the former chief Pfeiffer himself had collected and retained. According to a demonstration received from there, the lease arrears as of the last day of May last amounted to 18707 7/8 Rop:s. Against this, the sequestered property, the vessel, and 350 lasts of salt of the leaseholder Annandapoele amount to 10635 1/8 Rop:s. The two chiefs have deposited 8932 14/16 Rop:s, making 19567 7/8 Rop:s. Consequently secured in excess: 859 3/4 Rop:s. Besides the aforementioned general arrears, there is also an item chargeable 398 to one of the partners in the lease of Anandapoele, named Watiaar Sadiappa Modelij, amounting to 540 Rop=s, on account of the village Nagamaloe Palihim, which the former chief, upon vacating his post there, accepted and bound himself to settle and indemnify the Honorable Company for. This, as well as the satisfaction of half of the aforementioned Perentaal debit, in so far as Chief Pfeiffer shall have to contribute to it, can be found from his aforementioned sequestered jewels, etcetera, and a house located in Bimilipatnam that is estimated at 2000 Ropias, besides the share of the three percent gratuity already fallen to his lot from the linens sold in Europe in the years 1768, 1769, and 1770, mounting to 3511 guilders, 3 stivers, 8 penningen; which, pursuant to our resolution of December 27 of the past year, he, along with several other servants, has left with the Honorable Company, having them credit them on the books here, until such time as the matters subject to their accounting shall have been liquidated. The two merchants of that factory, Wisiappa Sitana and Daatserij Coermena, to whom the lease was transferred upon its extension for another year,

Dutch transcription

396 van den generalen pagteris een ander g'eadmitteerd op deself„ de Conditien. g teustalig at an ananmnan da paelecCis: g den swarigheij teng ruijm het getaxeerde van Rijd=s 10635 7/8 bedragd perentaal sijn door het opperh: en lecunde goederen gesequreerd van 50000 rop=s thuijgn den ook gelakgeerde aftestaan, tegens 920 pag: 'sJaars, Jn steede van den overl: borg voorts in steede van den overleede„ ne Borge voor den generaalen pagter van 's Comp=s dorpen alhier Draadjawenkateesja Chittij, in name Mahometh Miera seeg Mahometh Marcair, wederals soodanig, onder die selfde conditi„ en restrictien, waar onder de overleedene geweest is geadmit„ teerd den Jnlander Ankim Rid¬ dij Naijker van Dimilipe war dedet at ore Ten belange van de Bimili„ patnamse Agterstallige pagt„ penningen, word van daar bedeeld dat voor die van den pagter Anan„ dapoele cum suis dewelke on„ der ult=o meij 1774. nog g'impor„ teerd heeft Ropias 11506:, geen dewijl sijn gesoqusteerde betel warigheijd Redideerde, alsoode gesequestreerde besitting van den selven ter somma van 10635: 1/8. Popi„ as, Ruijm soo veel waadig, als waar voor deselve getaxeerde sijn; waarom sijn g'arresteerd vaar En daarom is op het versoek van de Vitianagaramse prinsen, sijn gearristeerdt vaarthuijg, met toevoeging van een lading uijt het aangeslagen sout van onder onfangst voor zijn debet enselven gelargeerd, en daar voor in mindering van sijn voor„ meld agterstal een somma van 5000: Ropias ontfangen; voor de overige agterstal van Terwijl voor de overige agterstal„ lige pagt penningen van nagamalloe Perentaal groot Rop=s 7201. 7/8. , door het opperhoofd Jasper Theodorus Pfeiffer en se„ cunde Isaak Brouwer, ider een montant van 1265. pag: of Rop=s 4466: 1/8. soo aan Juweelen sel goud 397 vernomen is de penn: onder ult=o maij Joo: bedragen hebben — goud en silver werken als vaste goe„ deren, hebben laten segureeren, om d' E: Comp: omtrendt die agter„ stallen, des noods, schadeloos ge„ wat van voorm: peerentaal steld te werden; waar toe men dewijl men verneemd, dat ged= Perentaal, en sijne portiona„ rissen ten eenemaal insolvent en dus buijten staat sijn, uijt eijge-middelen te doen, ten wa„ re tijdig inkomen, de schulden die se voorgeven soo aange„ leende penningen, als onbetael¬ de pagt onder diverse persoon nog uijtstaande te heb„ ben, ter somma van C: C: 5000. Rop=s, buijten nog een post van 506. Ropias, die hem wegens vaartuijgen, aan den Pagter vande mond de Revier moet werden be„ taeld, competeerende, dog die het ge„ weese opperhoofd Pfeiffer selfs in gesameld en aangehouden had„ ne Demonstratie, importeerde de agter„ stallige pagt penn: onder ult=o meij Jongstleeden - - - Rop:s 18707. 7/8. daar en teegen bedragen de gesequestreerde besit„ ting, het vaartuijg, en 350: las„ ten sout van den pagter Annandapoele - Rap: 10635: /8 de beijde opperhoof„ den hebben gese„ poneerd - - - - „ 8932:14: –„ 19567: /8. over sulx meer„ der gesegureerdt - - Rep: 859: ¾. de 5. prCento welke bij verkoop van behalven de generale agter Behalven voor m: generaale agterstal, somtijds soude moeten komen, hoe veel de agterstallige pagt de; volgens eene van daar bekome„ vaar„ doet 398 post van 54 Paopias op bonden heeft bet van perentaal uijt het door hem gesegeestreerde kan gevonden werden en tot wanneer der gedeet Cotenagtet antiene„ latsen staan van A. o 1768. 69: en 70 stal doet er sig nog een doet sig nog een post op ten Laste van een der portionarissen in de pagt van Ananda poele in name watiaar Sadiappa modelij, groot Rop=s 540. weegens het dorp naga„ waar voor Pfeiffer zigver, maloe palihim, waar voor het geweese port van zijn bekleed hebbende opper„ hoofdij aldaar aangenomen, en sig ver„ bonden heeft, te verevenen en DE: Comp: schadeloos te stellen, Het geen dat soo wel als de helfe derde, soo wel, als de voldoening van de helfte van voorm: perentaal debet voor soo verre het opperhoofd Pfeiffer daar toe sal moeten Contribu„ uijt sijne hier vooren aange„ haalde gesequestreerde Junee„ len &=a, en een te Bimilipatnam staande Huijs dat op 2000: Ropij„ opperhoofd D' peiffer bij zijn gedaan trans, dat hij nevens meer andere heeft welke naluijd onse Resolutie van eeren welgevonden sal konnen werden de Coptleeden ver panser saldaar De Beijde cooplieden dier Tacto„ behalv en sijn aandelin't suuen werd geschat, behalven nog de Iem uijt het Douceur van drie percento reeds te beurt geval„ lene portien uijt de inannos 1768:, 1769, en 1770:, in Europa ver„ kogte Lijwaten, monteerende ƒ3511:3:8:; den 27. December des gepasseerden Jaers, neevens die van nog eenige andere bediendens, bij D' E: Comp: heb„ ben laten staan, en haer daar voor bij de boeken, alhier Crediteeren, tot tijd en wijle de saeken ter Harer verandwoording lopende, geliqui„ deerd sullen weesen. rij wisiappa Sitana, en Daat„ serij Coermena, aan wiende pagt, bij verlenging derselve voor nog een Jaar, overgegeeven en E D

NL-HaNA_1.04.02_3399_0420 view scan ↗

English

which have been placed on their account to deliver textiles, regarding which an ample request has been presented and requested. Of overdue lease monies or transferred, and having come to an end by the ultimo May of this year, there remained in debit under that date 7493 1/4 Rupees or 2122 5/8 Pagodas of Florins 9517:8, which however, although the lease expires on the ultimo May, one has nonetheless, according to the old introduced or practiced custom there, then collected under the ultimo August, on the merchants' presented difficulties, namely that they had suffered damage thereby, and still had much lease money outstanding that had to be collected, has allowed to be placed on account, and for which they have bound themselves and allowed themselves to be bound, for that amount in the new book-year, to deliver textiles on the new demand, in order thus to prevent the books from being burdened with any new entry of overdue lease monies, the more so as one has perceived the intention of those merchants to be, under diverse evasions, to still keep the lease monies as such among themselves for a while. With respect to this article, what has been presented by the lessee of the beverages, we find ourselves obliged to inform that the citizen Fredrik Rijkloff Coijmans, residing yonder or at Bimilipatnam, has shown in an ample Request that he, having been from time to time the lessee of the indigenous beverages distilled there since the year 1761, had increased the same successively from 500 Rupees to 2025 Rupees per year, and on 1 June 1769 had leased it for the last-mentioned amount for four years, in the expectation that the promises and assurances made to him, that no one else but he alone would be allowed to distill and sell indigenous beverages, and all others would be excluded from hawking Batavia arrack api and speelmans knijp by the small measure, or by single bottles or flasks, would be promptly observed, and that he would be maintained as lessee. But instead of that, there had been tolerated not only the import and sale of very much arrack inside Bimilipatnam itself, but also that the so-called Havildar of that place, Hoetoe Ananda Poele, had likewise distilled and sold strong drink in the villages leased by him, whereby much damage had been caused to him, which he estimated at 3000 Rupees, with more other circumstances, complaints, and demonstrations of many irregularities, underhand dealings, and unreasonable treatments concerning this, set down at large in our Resolution of 21 February of this year, with an expression of his willingness and an offer to undertake that lease for 2200, or 175 Rupees more per year than the last lease had yielded, with a further offer that after the expiration of the time for which it would be ceded to him, he would augment the same as much as possible each time, but under such restrictions and stipulations as would serve not only to remove all disputes, but also for his maintenance, etc. We, deliberating thereon on the aforementioned day, and because at that time one was actually in negotiations with the princes over a new lease contract for Bimilipatnam and its dependencies, and had hope for its prolongation, have embraced that tender made, with the necessary instructions to the chiefs that, the contract having been concluded, the lease of beverages both at Bimilipatnam and the villages belonging under the same, in so far as they shall be leased by the Company, were to be ceded to the mentioned Cooijmans for the aforementioned sum of 2200 Rupees per year, for just as many years as the Company shall obtain the lease of Bimilipatnam from the princes. But nothing having come of that leasing as yet, this arrangement of ours, made for the benefit of the Honorable Company, has also remained suspended. This matter having been dealt with thus far, we, upon the further reports received concerning the debts in overdue lease monies that had arisen upon the making of the transfer of that office by the retired chief Pfeiffer to his successor Vrijmoet, have, following what was resolved in the session of 22 November last, ordered the chiefs that, although there resided no difficulty regarding the share of Moetoe Ananda Poele—on the one hand because his sequestered goods were worth well as much, and on the other hand because he was in great credit with the princes—one nevertheless desired that that debit, as well as the debt of the co-lessee Nagamalloe Perentaal, should be liquidated at the earliest, this latter either from the estate of the lessee himself, by sale of his possessions, or, in so far as it is necessary, from the sequestered jewels, etc., of the former chiefs Jasper Theodorus Pfeiffer and Isaac Brouwer, who according to our Resolution of 8 December of the past year have been judged responsible each for half, and regarding which one has in no way been able to approve on the

Dutch transcription

399 die haar op reecq: gesteld zijn ben Lijw: te lekeren daar bij een ampel request ver„ van agterstallige pagtpfemnbijde of opgedraagen en met ult=o Meij deeses Jaars, ten eijnde gelopen doeten is, sijn onder dien datum Ropi„ as 7493¼4 of Pag: 2122: 5/8: van Welƒ9517:8. debet gebleeven, dog dewelke men haar, schoon de pagt onder ult:o meij ten eijnde loopt, egter na de oude ingevoerde off ge„ practiseerde gewoonte aldaar, dan onder ult=o aug:o geincasseerd wertoond en versogt is den, op den Cooplieden ingebragte swaarigheeden, als dat daar bij schade geleeden, en nog veele pagtgelden uijtstaande hadden die ingepalmt moeste werden, bevrogen heeft, op reekening te stel„ en waar voor te sig verbonden hebben, en sig te laten verbinden, voor dat montant in het nieuwe Boekjaer. , Lijwaten op den nieu„ de pagt penningen, niet eerder wat door den pagter derdrankenal, Ten op sigte van dit articul tot proventie van een nieuwe pasto en Eijsch te leverern, om dus te provenceeren, dat de Boeken met geen nieuwe post van agterstal„ lige pagt penningen belast werden, te meer men bespeurd heeft, de intentie van die coop„ lieden te weesen, om onder di„ verse uijtvlugten, nog voor een zijn als soodanig onder sig te houden. vinden wij ons verpligt te bedee„ len, dat den ginter of te Bimi„ lipatnam remoreerende bua„ ger Fredrik Rijkloff Coijmans, bij een ampel Request vertoond heeft, dat Hij 'T seedert den Jaere 1761: een - en andermaal pagter van de aldaar gestookt werden, de Inlandse Dranken geweest sijnde, deselve successive van wen e Rops: 2 400 Rop=s 500: tot Rop=s 2025:–. 'sjaers ver hoogd, en p=mo Junij 1769, voor het laets gemeld montant, voor vier Jaeren gepagt hadde, in verwagting dat de aan hem gedane beloften en toesegging, dat niemand anders den hij alleen Jnlandsche Dranken sou„ de mogen stooken, en verkoopen, en alle andere het uijtventen van Bataviasch arrak apij en speelmans knijp, bij de kleene maet, of bij enkelde bottels, dan wel flessen uijtgeslooten soude weesen, prompt nagekomen, en hij als pagter gemaintineerd sou„ de werden, dog in steede van dien, getolloreerd was, niet alleen den aanbreng en verkoop van seer veel arrak Binnen Bimilipat„ nam selve, maar ook dat den soo genaemden Haweldaar dier plaatse Hoetoe Ananda poele, mede in de door hem gepagte dorpen sterken drank gestookt en verkogt hadde, waar door hem veel schade, die hij op 3000 Ropijen begrotede, toe„ gebragt was, met meer ande„ re omstandigheeden, klagten en demonstratien van veele irregularieteijten, onderkruij„ pingen en onreedelijke be„ handelingen dienaangaan„ de, in het breede bij onse Resolutie van den 21:' febr: dee„ ses Jaars ter neder gesteld, onder betuijging sijner bereijdwillig„ heijd en aanbieding ter aanvaer„ ding van die pagt voor 2200:, of 175: Ropijen meerder sjaars, dam soo 200. 401 waar op besloten is ged=t pagter voor mij pagt voor 2200 rops f jJaars aofte staan dog in wat kCan steeken de laaste verpagting gerendeert hadde, met verdere aan pae„ sentatie, deselve na het Ex„ pireeren van de tijd, waar voor hem afgestaan soude werden, telkens soo veel mogelijk aug„ menteeren soude, dog onder soo„ danige restrictien en bepalin„ gen als dienen soude, niet al„ leen tot weg neeming van al„ le disputen, maar ook ter sij„ ner Maintenie etc: Wij hebben daar over ten voormelden dage delibeerende, en uijt hoofde men te dier tijd, over een nieu we pagt contract van Bini„ lipatnam, en dies onderhoorig„ heeden, met de prinsen wer„ kelijk in onderhandeling we en hoop hadden tot dies pro„ longatie die gedane aanpresen„ tatie geamplecteerdt, met de noodige aanschrijvens aan de op„ perhoofden, om het contract ge„ troffen sijnde, de pagt der Dranken soo te Bimilipatnam als onder deselve gehoorende doa¬ pen, voor soo verre bij DE: Comp: gepagt sullen werden, aangedag te Cooijmans voor de voormelde Com„ ma van 2200: Ropijen 'sjaers, voor even soo veel Jaeren al DE: Comp: de Bimilipatnam te Pagt van de Princen obtineeren sal afte„ waar en sulx tot megtersblijven staean; dog omtrent die in pagt neeming tot als nog niets ge„ worden sijnde, is deese onse schicking ten voordeele van D: E: Comp: gemaakt, ook blijven steeken. lon 2 Dese 402 neerd om de bij het transport op ge„ daane agterstallen ten eersten te liquideeren de uijt het gezagemest aend o afgegame opperh: de nieuwe spent aldaar ingoen Dese materi tot dus verre ver„ handelt weesende, hebben wij op de nadere ontfangene be„ rigten weegens de schulden, die sig bij het doen van Trans„ port van dat Comptoir door het afgegaan opperhoofd Pfeiffer aan sijn vervanger vrij„ moet, aan agterstellige pagt penningen hadden opgedaan, na het geresolveerde ter ses„ sie van den 22. ' November p=o de opperhoofden geordonneerd, dat alschoon omtrent het aan„ daarin geen swarigheijd resi„ deerde, eensdeels om dat sijne gesequestreerde goederen ruijm soo veel waerdig waeren, en deel van Moetoe Ananda poele en daar voor esponsabelgestel die volgens onse Resolutie van ten anderen, om dat hij bij de Prinsen in groot credit stond, men egter begeerde, dat dien Debet soo wel, Als de schuld van de meede pagter Nagamalloe peren taal, ten eersten geliquideerd soude werden, dit laaste, het sij uijt den Boedel van den pag„ ter selfs, door verkoop van sijne besittingen, dan wel voor soo ver„ re het nodig is, uijt de gesequest„ reerde Juweelen etc: van de gewee„ sene opperhoofden Jasper Theodo„ rus Pfeiffer, en Isaac Brouwer, den 8. December des gepasseer„ den Jaers, ider voor de helft responsabel geoordeelt sijn, en waaromtrent men geensints heeft konnen goed vinden op ten het

NL-HaNA_1.04.02_3399_0424 view scan ↗

English

are demanded, the offered sale to the English of the house at Coedelaer for 2000 star pagodas has been accepted, no difficulty being found therein, renouncing participation, without the request of the said Brouwer making the slightest change, orders were also sent thither to send the aforesaid secured jewels, etc. hither, because if there should be any shortfall regarding the share of Brouwer, being currently present here, we would well know how to recover it. Under the article of Various Matters, we have the honor to bring to Your High Nobilities' notice that, in accordance with Your High Nobilities' revered orders, the house at Coedeloer having been offered for sale to the English ministry at Madraspatnam for 2000 star pagodas, they have accepted that offer, provided that with the conveyance of that house, we also renounced the right to settle there again for residence or trade, or to desire a residence post, in which we, having found no difficulty in that regard—since upon the sale of the lodge at Masulipatnam, which, or whose prerogatives, were of greater importance to the Honorable Company than those at Coedeloer, it occurred in the same manner—have consented and approved that transaction according to our resolution of 14 October last, and differentiated those goods to be sent hither; wherefore, the deed of transfer has been inserted into the aforesaid resolution and the same has been sent to the Paliacatte chiefs, in order to be presented to the English government at Madras by the clerk of that office or someone else, and to receive the money; furthermore, the Bookkeeper Iurgen Herfst at Coedeloer has been written the necessary instructions for the vacating of the house and departure from there with the goods under his responsibility, and we ordered the toni or the boat, which has served thus far for ferrying the Company's peons and letter carriers across the Coedelaer River, to be sold, just as the aforesaid purchase money has since been paid, according to the letter of the said Herfst dated the 1st of this month, the house having been transferred to the English, as the postholder stations at Golconda, Alemparwe, and Conjemere have likewise been withdrawn, and the sending of catamarans from the factories situated on the sea, for the appraisal of passing ships, has been abolished, maintaining it however with regard to ships and vessels flying Dutch flags. The gunpowder works here, in accordance with the order, was dismantled on the last of September of last year, and consequently the sixteen buffaloes and the two carts—the latter having also served for carting away refuse and keeping the streets of this city clean—were sold by public auction and yielded 34:14.- pagodas, or f155. 12. 8., and the 17 coolies and 8 boys who have thus far served in the powder mill were discharged. The remaining 28635 lb of saltpetre and 1828 lb of sulfur earth in stock, along with and beside the powder maker, item the tools that are specified in our resolution of 22 September last, so far as they are worthy of being transported, are to be sent in the spring to Jaffanapatnam to be sent further to Colombo, as the Ceylon ministers informed us by letter of 21 September of last year that, it appearing to them from the Batavia papers that authorization was granted for sending the usable pieces of the decommissioned powder mill thither, they would not be able to use the same if it were a stamp mill (as it is); therefore, we are to correspond about it with the Jaffanapatnam servants to see whether they might sometimes find any use or benefit from it. The small garden at Porwalacherij and its buildings were likewise sold, yielding pagodas 80: f 360.-.-. And further, the necessary orders were given regarding the inventory of spices and other effects henceforth sent or landed there,

Dutch transcription

403 eijscht zijn de aangebodene koop aan de Engelse van het huijs te Coedelaer voor 2000 ster pag:, is g'amplecteerd daar geen swaarheijd en gevonden seijnde dar deel te neemen afstan doende, het versoek van gedagte Bron„ wer eenige de minste veran„ dan ook derwaards gelast is om de voorsz: gesegureerde Juwee„ len etc: dit heen te senden, de„ wijl wij dan, indien 'er omtrent het aandeel van Brouwer iets te kort komen mogte, als sigtans alhier bevindende, wel soude weeten te recouvreeren:— onder het Articul van Differente saken hebben wij de Ee„ re uw Hoog Edelens ter kennisse te brengen, dat ingevolge Hoogt derselver gevenereerde ordre, het huijs te Coedeloer aan het Engelsch ministeruim te Ma„ draspatnam voor 2000: sterpa„ sijnde, het selve die aan„ bieding geamplecteerd heeft, dragt van dat Huijs, ook af„ stand deeden van het regt om weeder aldaar ter seet, of tot den koophandel sig te komen ter neder te setten, dan wel een Residentie plaats te begeeren, het geen wij, als geen swarig„ heijd daar omtrent gevonden heb„ ƒ bende, vermits bij den verkoop van de Logie te Masulipatnam die, of welkers prerogativen, van meer aangeleegendheijd voor D E: Comp:, dan te coede„ loer geweest zijn, inselver voe„ gen geschied is, na luijd onser Resolutie van den 14.:' october gooden te koop aangebooden en dewilligt en diestrmnsactie p=o bewilligd hebben, bij de en diff die goederen dit heen opgedering te maken; weshalven mitsaan het regtom aldaar wea mits dat wij met den over„ sijn ƒ Fram 403½ Call: opperh: gesonden de resident aldaar is ook het nod opbrake van daar aangesz: Verkopen. de kruijtmakerij is gecetteerd landse vaartuijgen beerpoawe en Consemere sijn in„ getrocken ten overgeeve aan dese aan de Transactie ter voorsz: Resolutie geinsereerd, en deselve aan de Palliakatse opperhoofden geson„ den is, om door den scriba van dat comptoir, of iemand anders„ de Engelsche Regeering te Ma„ dras aan te bieden, en het geld e t prijtigder scheepen afgeschft tot mnarijmning van dat huijdin te ontfangen; wijders den Boek„ houder Iurgen Herftste Coede„ loek het nodige aangeschree¬ ven, ter Jnruijming van het Huijs, en opbaake van daar met de goederen onder sijn en gelast de tonij aldaar setfste verandwoording weesende, en de tonij of de schuijt, die dus lange gediend heeft ter oversetting van 's Comp: pions en brieven i va seaen sin voor pago„ dragers over de coedelaerse int overgave van t si: an Revier, hebben laten verkopen gelijk de voorsz: koop penn: 't seederd betaeld sijnde, volg:s de brief van gedagte Heeft de dato 1 deeser het Huijs aan de Engelschen de poosthouderij te golconda st„ overgegeeven is, soo als de Post „ 16 houderijen te golconda, Alem„ perwe, en Conjemere mede in„ en het senden der Captemarauw getrocken, en het senden van cattemarauws, op de aan zee ge„ leegene factorijen, ter verprij„ ing der passeerende scheepen, met standhouding omtaend hol „ afgeschaft sijn, met standhouding nogtans omtrent scheepen en vaartuijgen, die Hollemsche vlaggen voeren; De kruijtmake„ rij alhier, heeft men ingevolge de ordre, met ult=o september J=o lee„ den doen casseeren, en mits dien de sestien buffels en de twee karren, deeses laatste tef fens gediend hebben de tot het see E weg 404 ende Coelijs Etc: afgedankt „ En swavelaarde Jtem faaskruijtmaker Etc: over te werden en waarom specerijen saecherij is voor dopag verkogt weg dragen van vuijlnis en schoonhouden van de straten deese stad, per vendutie laten verkopen, en gerendeerd hebben pagoden 34:14. — of ƒ155. 12. 8. , mitsgaders de 17. Coelijs, en 8. Jongens die dus lange in de kruijt„ molen dienst hebben gedaan, afge„ staande het restant salpeeterd enikt sijn geworden, staende de in voorraad weesende 28635: lb sal„ peeter en 1828. lb swavelaarde, met en neevens den kruijtmaker, Item de Jaffana p=m na Colombogesonden gereedschappen die bij onse Resolutie van den 22. ' 7ber: p=o gespecificeer staan, voor soo verre waardig stul len sijn, vervoerd te werden, in het thuijntje en opstalte poawa het voorjaar naar Jaffanapatnam senden, om verder naar kolomst den te werden, alsoo de Ceijlonse ministers ons bij brieve van den 21: 7ber Jo leeden, te kennen hebben gegeven, dat uijt De Bataviasche papieren Haar gebleeken sijnde, de qualificatie ter oversending naar derwaards van de bruijkbare stuc„ ken van de afgelegde kruijtmo„ len, deselve niet soude kunnen gebruijken, indien het een stamp molen /:gelijk die is, / mogte wee„ sen; dierhalven daar over met de Jaffanapatnamse bediendens te correspondeeren, off deselve som„ tijds daar van eenig gebruijk of nut soude konnen syn.—. Het Thuijntje te Porwalacherij en dies opstal is, meede verkogt en heeft pag: 80: ƒ 360. —. —. gerendeerdt, om den opneem van specerijen en andere Effecten, voortaan gesonden, dan wel aldaar aangelaen zoo omtrendese opneemden En voorts de nodige ordre gesteld, 21 maar 6 8

NL-HaNA_1.04.02_3399_0427 view scan ↗

English

405 as 10 percent validation on the Caliatour wood, the necessary orders were given. To Sadraspatnam it was ordered to discharge the extraordinary etc. Likewise to Pulicat to reduce 14 peons and 24 native warriors, and to reduce the pay of the rest as much as possible. Item to Bimlipatnam half of the extraordinary sepoys etc. Assurance by the governor to endeavor everything for the prosperity of the government, with instructions to promptly fulfill everything, also regarding the reduction of burdens. to take place only once, instead of twice a year, as well as to charge 10 percent in total on the Caliatour wood for validation, instead of the coolie wages charged hitherto for the splitting of the same. Furthermore, it was recommended to Sadraspatnam, with the end of September last, to discharge the extraordinary sepoys and other wage-earning native servants there, as also at Pulicat to discharge the 14 extraordinary peons and 24 native warriors, and of the remaining paid native servants to reduce as much as can be done with any possibility; just as a similar order was sent to Bimlipatnam, for the dismissal of half of the extraordinary sepoys in service there, and a third part of the native servants; while the chiefs of Jagannathpuram were recommended to make such a reduction in the burdens as could be done with any possibility, with instructions at the same time to punctually comply with this order at once, if they do not wish to experience our putting our own hands to the work. Concerning your High Mightinesses' remark made regarding the poor condition of this government, and the high necessity arising therefrom to not only observe economy 406 Proof of this in the discharge of 50 peons and 290 sepoys. How much is saved annually by this. The three military companies here have been decided to be reduced to two. Which officers to retain for this. in all respects, but also to put it into execution by direct action, we take the liberty to assure your High Mightinesses most respectfully that the endeavor of the undersigned governor in particular, and of us all together, is and will always remain to reduce the heavy burdens of the Honorable Company here on the Coast, or at least to make them as tolerable as possible; just as, in order to provide the same provisionally with proof of our well-meaning intention in this regard, we have, at the end of September aforementioned, discharged 50 peons, whereby an amount of f 2160:-:- is saved annually; as well as from the sepoys in service 290 privates have been dismissed, who cost the Honorable Company in 12 months an amount of f 29928:-:-; whereby the number of privates is now brought to 434 heads, and their pay being reduced from 35 to 33 fanams, there is gained annually thereby f 2083: 4:-; or in total from the sepoys f 32011: 4:-. And together with the peons f 34171: 4:-. Regarding the order concerning the military, we have resolved on that day to reduce the three companies here as soon as possible to two; and as officers for the same, Brought forward f 2160.-.-. 407 To retain: and the rest to be sent to Batavia. Of which already a lieutenant and ensign have departed. On the orders sent to the subordinate factories for the discharge of the aforementioned native servants, no reply has yet arrived except from Sadraspatnam. besides the under-major Lieutenant Johan Ernst Heijns, and the ensign and supervisor of the weapons room Emanuel Gregoor, to retain the titular Major Johan Ernst Godlieb Haselman, the senior Captain Gijsbert Segelaar, together with the Lieutenants Jan Hendrik Homburgh and Johan Jochem Winkelman, and the Ensigns George Fredrik Pool, Johan Simon Hoks, Philip Pollich, and Joseph Herman van Kohring; and all the others, both those who are here and at the factories, to which end the latter have been recalled from there, all being 1 captain, 1 captain-lieutenant, 1 lieutenant, and 11 ensigns, besides 1 lieutenant, 2 ensigns, and 1 extraordinary fireworker of the Ceylon detachment, to let them depart for Batavia; of the latter of which the Lieutenant Philip Andreas Root and Ensign Jan Hendrik Trip have already obtained transport with the ship Mastenbroek, and the others are to depart on the next suitable occasions. With respect to the aforementioned discharge of superfluous native servants at the factories, no report has yet been received from any other place, except from Sadraspatnam, that such had, due to the late receipt of our letter of 24 September, only proceeded there on the 15th of October following.

Dutch transcription

405 als 10 p=r C=to validatie op het Calfatour h: de genodige or„ dre gesteld na sad: is gelast de Extraord: Etc: afte danken zoo meede na palt: om 14: pions veel moogelijk te redulderen Extaa ord= Sipaijs Etc: verseekering door den gouvern: om alles te sullen, betragten tot floricante van 't gouveenament met aanschrijvens daar aan Alles promt te voldoen ring der lasten maar eens, in steede van twee maal sjaars te laten geschieden, soo mede op het calliatourhout, in het geheel 10:'e percento voor validatie opte gelijk ook na req: tot verminde„ brengen, insteede van de dus langs opgebragte coelij loonen, voor het Ca„ genen-kloven derselve; voorts is na sadraspatnam aanbevolen, met ult=o september Jo leeden, de Ex„ tra ordinaire sipaijs, en andere Loontreckende Jnlandse Dinae„ ren aldaar afte danken, gelijk ook en 24: Jul: kerijgers te Casseeren/ e Pulliakatta de 14: Extra ordinai„ re pions, en 24: Jnlandse krijgers „ende betolding der overigesoo mitsgaders van de overige in besol„ ding sijnde Jnlandse Dienaren, soo veel te reduceeren, als maar met eenige mogelijkheijd geschie„ Htem na bint: van de helfe derden kem, soo als een gelijk bevel naar Bimilipatnam afgesonden is, ter cassatie van de Helfte der aldaar in dienst weesende Extra ordinaijre sipaijs, en een eerde ge„ deelte der inlandse Dienaren, mits„ gaders de Jaggernaijkpoeremise opper„ hoofden aanbevoolen, soodanige ver„ mindering in de Lasten te maken als maar met eenige mogelijk„ heijd geschieden konde, met aanschrij„ ving teffens, aan deese ordre ten eersten punctueel te voldoen, soo se niet ondervinden willen, dat wij selve anders de hamden aan het werk komen te slaen. Ten belange van uw Hoog Edele gemaakte remarque nopens den soberen toestand van dit gouver„ nement, en daar uijt voortvloeij„ ende Hooge noodsakelijkheijd om niet alleen de menage 2: in e 406 van 50 pions werd ren, sijn beslooten in twee te re„ duceeren in allen opsigten te betragten, maar ook door dadelijkheijd ter Exgo siparijs cutie te brengen, neeme wij de vrijheijd uw Hoog Edelens op het een biedigste te verseekeren, dat de be„ tragting van den ondergeteeken„ de gouverneur in 't bijsonder, en van ons alle te samen, steeds is, en blijven sal om de swaardrukkende Lasten van DE: Comp: hier ter Cutste te verminderen, ten minsten soo veel mogelijk dragelijker te maken paure daar van in't afdanken soo als wij om Hoogst deselve bij provisie preuwe van onse Welmee nendheijd dien aangaande te suppediteeren met ult=o september meermeld, afgedankt hebben 50. hoe veel daar door sjaars betuijnig Pions, waar door Iaarlijks besuij„ nigt werd een montant van ƒ 2160:—:— soo meede op de cassering van en van de in dienst sijnde si„ paijs 290: gemeene gecasseerdt sijn, die de E: Comp: in 12: maan„ den quamen te staan „ en mon„ tant van. . . . . ƒ29928:——„ daar door het getal der„ gemeene tans op 434. kop„ pen gebragt, en dersel„ ver besolding van 35: op 33 f=s gereduceerd weesen„ de, daar bij Jaarlijx ge„ profiteerd werd - - - - - „ 2083: 4:—. of in het geheel van de sipaijs „ 82017: 4:-. En met de prons te samen „ ƒ34171: 4:—. de allier drie zijnde Comp: militei omtrent het geordonneerde ten op„ sigte van de Militairen, hebben wij ten dien dage beslooten, de drie alhier sijnde Comp:, soo spoe„ dig mogelijk tot twee te redu„ welk oficeren daar toe aantehouden ceeren; en tot derselver officie„ P=r Transport - - - ƒ 2160. —. —. Transporteere ren an 407 en de overige na batavia te senden p de nade Comptoiren gesondene laster afdenking van voorm: in„ andse dienaar is geen aandwoord vaandrig vertrocken is ren, behalven den onder majoor den Luijtenant Johan Ernst Heijns, penkamer Emanuel Gregoor, aande houden den Majoor Titulau Johan Ernst godlieb Haselman, den oudste Capitain Gijsbert Segelaar, nee„ vens de Luijtenants Jan Hendrik Homburgh, en Johan Jochem Win¬ kelman, mitsgaders de vendrigs George Fredrik Pool, Johan Si„ mon Hoks, Philip Pollich, en Jo„ enkoomen seph Herman van Kohring, en alle de overige soo wel die sig hier„ dam van sad„ als op de comptoiren bevinden ten welken eijnde deese laetste van daar opgeroepen sijn, en alle in 1. kapitain, 1. kapitain Luijte„ nant, 1. Luijtenamt, en 11. vendrigs behalven nog 1: Luijtenantz: ven„ den vendacg en opsiender van de wa war van reed eenluijtenant en trecken, gelijk van de Laaste den drigs en 1. Extra ordinair vuurwer„ „ van het Ceijlons detachement ker„ naar Batavia, te laten ver„ Luijtenant Philip Adreas Root, en vendrig Ian Hendrik Trip, met het scheepje Mastenbroek reeds Transport erlangd hebben¬ en de overige bij de volgende be„ quame geleegendheeden staan te vertrecken. —. Ten opsigte van de hier vooren vermelde afdanking van over„ tollige Jnlandsche bediendens op de Comptoiren, is van geen ander plaats tot nog eenig narigt be„ komen, dan van sadraspatnam, dat sulx aldaar, door de laete ontfangst onser brief van den 24:' September, eerst den 15. Octo„ ber daar aan voortang genomen daegs had

NL-HaNA_1.04.02_3399_0430 view scan ↗

English

the lack of the sepoys, but the chiefs, in their letter of the 27th of the last cited month, made known at large the impossibility of lacking the sepoys in a place where there was a daily passage that never ceased, and mostly consisted of insolent common folk of foreign nations, who generally considered the village of Sadraspatnam as very convenient for that purpose, as a resting place, and committed numerous acts of mischief, so that scarcely a day passed that complaints from ill-treated inhabitants did not come before the chief, and he was obliged to send some sepoys to check such matters; that to these unbearable inconveniences, no establishment of the Company was more exposed than Sadraspatnam, not only because of its location between the capitals of two foreign nations, but also because it was the passage of everything that the English sent to their places to the south, and returned from there; and which acts of mischief, if they could not be opposed due to lack of men, would give occasion to the uttermost disorder; that also by that discharge the necessary guards and posts could not be occupied, and that besides they were just as little to be spared when one or more deserters, who were extradited from foreign places, had to be fetched; requesting thereby to be allowed to re-engage those men, as being necessary. But we have resolved at our session of the 22nd of November last to present the motives cited by the chiefs to Your Excellencies, and to request Your High Honours' disposition concerning this, as is done herewith in all respect. The armozines that were to be found in the warehouses here, having consisted of only 32 5/8 pieces, have been sold at auction in compliance with Your Excellencies' order, and have together fetched f 676:13:8, yielding a profit of f 122:1: or 22 percent, just as we likewise have had sold at auction out of the 35 barrels of bacon and meat, only received here from Ceylon in September, already 15 barrels of bacon, or the entire consignment, and 12 barrels of the received 20 of the same of meat; since through the cessation of the troubles, and the detachment of Europeans from Ceylon, for whom the same had been expressly requested, it was no longer needed; the same having brought in altogether f 2531:2:8, thus yielding a loss of f 297:16:8 or 20 percent. Furthermore, we shall use the received beams of 40 feet, sent for the gunpowder mill, but not needed for that purpose due to the cancellation of that mill, here for other Company services, or else send them along to Ceylon; and allow the widow of Cannasamie Naijker and her three daughters to enjoy the possession of the house standing here in town, which was recently occupied by the brother of the prince pretender, who has also been ordered to vacate the same and provide himself with another dwelling; furthermore, we shall take and employ all pains to obtain the required horses for the Emperor of Japan; but concerning which we must at the same time testify that the finding of fine, large, especially Persian, and indeed black or brown horses, which are very rare in these regions, is very difficult: firstly because in these lands one gets to see no other Persian horses than those which the subah or other grandees now and then, by chance, with very much effort and expense, have expressly brought over for their own use or state-keeping, and thus are too costly to be imported; and secondly because the district of Maandeerjam yields no other color than mostly white, grey, and dappled, sometimes also brown, but otherwise of a good and distinguished sort, and which are bought up by the English and the Nabob's officers, both for their own use and for the service of the cavalry of the Nabob. The 175 pagodas disbursed to the Corporal Ian van der Eijken, the orphan masters here have been ordered to reclaim the same from him, or he being insolvent, from his guarantors, and to deliver into the Company's treasury, together with an equal amount of the same remaining under the said orphan masters, or together 350 pagodas belonging to one Iohan Fredrik Bosch. The church standing in this Castle, not only having become very dilapidated through age, and especially the floor of the same, as lying on the flat roof or the attic of the two spice warehouses, so that the service can no longer be performed therein without dread, but also being very inconvenient and troublesome, especially for old and aged people, as having to climb 24 to 25 steps before one can enter the church, and moreover being found not spacious or large

Dutch transcription

408 het gemis der sepeijs behiegd van waar omnogelijkheijd tot hadde, dog de opperhoofden geevende haeren brief van den 27:e der Laast geciteerde maand in het breede kennen, de onmogelijkheijd, van het gemis der sipaijs, en een plaats, daer een dagelijxe passagie was, die nimmer ophielde, en meest besto in insolent gemeen volk van vreemd natiën, die het dorp sadraspatnam als seer convenabel tot dat eijnde doorgaans hielden, voor een Rust plaats, en meenigvuldige baldadig„ heeden aanrigteden, soo dat 'er nauw„ lijks een dag voor bij gong, dat het opper hoofd geen klagten van qualijk be„ handelde Jnwoonders; voorqua„ men, en hij verpligt was, eenige sipaijs te senden, en sulx te stuijten, dat aan deese onverdrag lijke Disagrementen, geen eta„ blissement van DE: Comp:e meer bloot gesteld was, dan sadras„ patnam door sijne legging tus„ schen de Hoofdplaetsen van twee vreemde natien niet al„ leen, maar ook om dat het de passagie was, van alles, wat de Engelschen na hunne plaetsen om de zuijd sonden, en van daar te rug keerde, en welke balda„ digheeden, soo door gebrek van volk niet teegen „ gaan konde wer„ den, geleegendheijd geeven soude, tot de uijtterste wan ordre dat ook door die afdanking de nodi„ ge wagten en posten niet be„ set konde werden, en dat sij buijten dien evenwijnig te mis„ sen waren, wanneer een of meer deserteurs die uijtgeleverd wier„ blis den 409 dog van de hand geweesen is pakh=s gemaest sijnde armosijnen den, van vreemde plaetsen maat en om dier Continatie versogt te werden afgehaeld; versoeken„ de mits dien dat volk weder te moogen aanneemen, als blijk„ dig weesende, dog wij hebben die Jnstantie ter onser sessi van den 22:' november J=o leeden, ter besloten, de aangehaelde motiven door de opperhoofden, uw Hoog Edelens voor te draegen, en Hoogst derselver dispositie dien aangaande te versoeken, gelijk bij deesen in alle Eerbied ge¬ schiet verkoop p=r venditie van de bijt De bij de Pakhuijsen alhier te ed vinden geweest sijnde Armo„ sijn, in maar 32. 5/8, stucken hebbende bestaan, als weesen„ daar aldaar ten uijttersten noog wat deselve gevenderd hebben dutie van de hand geset, en heb„ en tens voorgedraagen werd van de hand geweesen, mar eg, soomede 25: varten s peken lek gelijk wij inselvervoegen van o de overige 11 /8 stukken, reeds successive per ordonnantie ver„ kogt, sijn in naarkoming van uw Hoog Edelens ordre per ven„ ben met den anderen gevendeerd ƒ 676:13:8:, geevende een winst van ƒ 122:1:: of 22: ten Honderd s=s, de 35: vaten speck en vleesch, eerst in september van Ceijlon alhier ontfangen, reeds 15: vaten speck of den geheelen aanbreng„ en 12. vaten, van de ontfange ne 20. ditos vleesch, per vendu„ tie van de hand hebben doen setten; dewijl door het cesseren van de troubelen, en het Deta„ chement Europeesen van Ceij lon, voor dewelke men het selve de 9 ex 8 1410 wat met de balken tot de kruijt moolen gesonden sal gedaen werden is de possie van nev:s gem: huijs overgegeven van den Japanlsen keijser woat expres versoet heeft, niet meer alle moeijte gedaan benodigt was, hebbende deselve met den anderen opgeworpen ƒ 2531:„2:8: „geevende dus een verlies van ƒ297. 16. 8. of 20. p:r C=to: voorts sullen wij de ontfangen Balken van 40: voeten tot adersin de kruijtmolen gesonden, dog door seldsaam het intrecken van die moolen daar toe niet benodigende, al„ hier tot andere 's Comp: diensten gebruijken, dan wel mede naar de wed: van Commasamneneijk Ceijlon senden; En de weduwe van Cannasamie Naijker, en haere drie dogters, laten gau„ deeren van de possessie van het hier ter steede staande Huijs, dat teins door de broeder van den prins Pretendent werd bewoond, die ook gelast is, het selve „ ruijmen, en sig van een andere wooning te voor„ ter bemagtiging van de paardge sien; sullende wijders alle moeij„ te doen en aanwenden, om de gerequireerde Paerden voor den keijser van Japan; te bekomen, Dog waeromtrent wij teffens dog het bekomen derselve is seer betuijgen moeten, dat het op doen van schoone groote, inson„ derheijd Persiaansche, en wel swarte, of bruijne Paerden, die in deese gewesten seer seld„ saam sijn, seer difficiel is, voor eerst om dat men in deese Landen geen andere persiaansche paarden te sien krijgt, dam die den souba, of andere groten nu en dan, bij geval, met seer veel moeijten en kosten, tot dersel„ ver eijge gebruijk of staat houde„ rij, expres laten overbrengen, dus te kostbaar sijn, om aange voerd te werden, en ten anderen te P:n 411 de afgegevene 175. pag: van eenen bosch aan den Corporaal van der rij„ ged' Bosch groot pr/o 350: in kaste tellen kerk om dat het districht Maandeer„ Jam, geen ander couleer uijt„ leeveren, dan meest witte gaij„ se, en schimmels, somtijds ook bruijne, dog anders van een goed en aansienelijk soort is, en die door de Engelschen en 's nababs officieren, soo tot hun eijge gebruijk, als ten dienste van de ruijterij van den Nabab opgekogt werden. De afgegeeve 175. pagod en aan ken sijn gelast te restitueeren den Corporaal Ian van der Eij„ ken, is weesmeesteren alhier gelast geworden, deselve weeder van hem, of daar „ onvermogens sijnde, van sijne Borgen in„ en het gantsche montantaan te vorderen, en neevens nog een onder gedagte weesmeester en be„ rustende gelijke montant, of bouwvalligh: Etc: van de Casteels De kerk ten deesen Casteele staende door ouderdom niet alleen seer bouwvallig geworden, en wel voornamentlijk de vloer dersel„ ve, als op het plat, of de solder van de twee specerij pakhuijsen leggende, dus niet langer den dienst daar insonder schroom verrigt kan werden, maar ook seer ongeleegen, en ongemacke„ lijk weesende, insonderheijd voor oude, en in Jaaren toenee„ mende Lieden, als moetende 24 â 25. trappen opgaan, eer men in de kerk komen kan, en bovendien bevonden sijnde, niet ruijm of te samen 350: pag: eenen Io„ han Fredrik Bosch toebehoo„ rende, in sComp:s kassa over te bren„ gen. te groot

NL-HaNA_1.04.02_3399_0434 view scan ↗

English

412 to undertake the construction of a new church, without expense to the Honourable Company, sent by Colombo and Jaffna, to be large enough, principally on high feast days and other extraordinary days, we have, with the full consent and approval of the entire congregation of this place, and upon the express request made by some charitable persons, resolved in our session of 8 June last to build, in its stead, another new and more spacious church in the outer town here, on a site expressly chosen for that purpose and conveniently situated for everyone's convenience, without the least expense to the Honourable Company, for the calculated amount of pags 701:11:; which has also been approximately contributed through collections by everyone, according to their means, both here and at the subordinate factories, and the construction of the same is indeed currently underway; the timber required for it, as well as the palmyras and their laths, which were already partly sent to us by order of the Right Honourable Governor of Ceylon and Council by the Jaffnapatnam officials, we have caused to be paid in cash. We therefore most humbly request Your Right Honourables that this action of ours may be crowned with Your Right Honourables' venerated approval. 413 Extraordinary allowance to the catering master in the hospital, and why. In our session of 20 January of this year, the catering master in the Company's Hospital here having demonstrated by petition that, due to the extraordinary high cost of everything, it was impossible for him, or out of his power, to maintain and provide with necessities each of the sick—who, owing to the large size of the garrison, were far greater in number than before—for the ordinary subsistence allowance of 1 1/5 fanams per day, without being subject to great and unbearable losses, since almost nothing was to be had, and what could still be procured cost fully three times more in price than it ever had before; we, on account of the grievances alleged and adduced by him being nothing other than truths, and abundantly known by experience to everyone, decided on that day, as long as the garrison here remains so large due to the reinforcement received from Ceylon and the expensive times continue, to grant him for each patient 1 1/2 instead of 1 1/5 fanams per day, and monthly 5 instead of 3 pounds of pepper, furthermore 3/4 lb of each kind of the four main spices instead of the received 5/8 lb of each; all of which, however, alongside the monthly increase of 2000 pieces of firewood added in the session of 16 October of the past year for the very same reason, 414 has been revoked after the departure of the last men of the Ceylon detachment, pursuant to our resolution of 22 November last. However, the said catering master, at the session of the 6th of this month, testified and demonstrated in a petition the impossibility of being able to provide the sick with food for 1 1/5 fanams per day, on the grounds that provisions were still just as expensive and scarce as when he had made the request for an increase in subsistence money, urgently requesting that, therefore, the 1 1/2 fanams per day for each patient granted to him by resolution of 20 January of this year might be retained; adducing, in support of his request, that although it is a real truth that the number of sick was now noticeably less than at the time when he made that urgent request, such had nevertheless in no way changed the nature of the essential matter, since provisions remained just as expensive and scarce as they had been at that time, appealing to that end to the awareness that we, and everyone here, have of it, under the further declaration that it was absolutely impossible for him to keep things going with 1 1/5 fanams per day, as currently, even with 1 1/2 fanams, he had the utmost trouble and 415 care to provide the infirm with the necessary and suitable food according to their condition, without suffering great losses thereby, because the size of the number of sick had not been the real motive upon which he had based that request, but rather the scarcity of provisions itself, the large number of infirm having then only been cited by him to demonstrate the difficulty he had in providing food for so many people in such a scarce time, requesting therefore that the aforementioned added increase might still continue, cited in further and more ample detail in his aforesaid petition inserted into the aforesaid resolution of the 6th of this month; wherefore, although we had to credit the aforesaid alleged reasons, as everything is presently still just as expensive and scarce, we nevertheless resolved not to decide upon it, but to refer that request to Your Right Honourables and await Your Right Honourables' venerated disposition thereon, and in the meantime to grant the aforementioned catering master no more than the ordinary subsistence allowance of 1 1/5 fanams per day for each person, since we deem ourselves not authorized, in a time when economy is so strongly insisted upon, to grant any increase.

Dutch transcription

412 te doene opbouw dier h: van een nieuwe buijten last der E: Comp:e weegens Colomboen Jaffana p=m gesonden 7 groot genoeg te weesen, princi 't gecalculeerd bedragen daar paal op hoog tijden en andere Extra ordinaijre dagen, soo heb„ ben wij met volkomen toestem„ ming en bewilliging van de geintsche gemeente deeser plaat„ se, en op expres gedaan versoek van sommige Liefdadige Lieden ter onser sitting van den 8.:' Junij J=o leeden, beslooten, in dies plaetse, een ander nieuw en Ruijmer kerk in de buijten stad alhier, op een daer toe ex„ pres uijtgekosen, mitsgaders tot gemak van een ider wel geleegen terreijn, buijten een versoek om goed keure dier„ nig het minste Last van DE: Comp: te bourven, voor het daar voor gecalculeerde be„ dragen van pags701:11:; het o is bij ollecte engekomen welk ook door een ider, na mate sijner vermogen soo wel heer„ als op de onderhoorige factorijen, ten naeste bij gecontribueerd, en men ook werkelijk beesig is de houtwarken daar toe zijn van met den opbouw derselve; de Houtwerken daar toe benodi„ gende soo wel, als de palmee„ ren en dito Latten, welke ons ter ordre van den Heer Ceijlons gouverneur en Raad, door de Jaffnapatnamse bediendens reeds voor een gedeelte toegeson„ den sijn, hebben wij in cassala„ ten betalen-. wij versoeken mitsdien uw Hoog Edelens gents onderdanigst, deese onse verrigting bekroond mag werden met Hoogst dersel„ ver gevenereerde goedkeure. welk Ter 413 Extraord: toevoeging aan de schaf baas in 't hospitaalen waarom Ter onser setting van den 20. ' Ja„ nuarij deeses Jaers, door den schaf„ baas in sComp=s Hospitaal alhier bij request vertoond weesende, dat door de Extra ordinaire groote duurte in alles, buijten staat, of voor hem onmogelijk was, om de sieken, die mits de grootheijd van het guarnisoen veel meer„ der in getal waren, dan te vooren voor het ordinaire teergeld van 1: 1/5. fanus 'sdaags ider te onder„ houden, en van het nodige te versorgen, sonder aangroote, en van ondragelijke schaede sub„ ject te weesen, dewijl bij na niets te krijgen was, en het geen nog bemagtigd werden konde, wel weeder intrecking van het slve drie maalhooger in prijs te staan quam, den ooijt bevoorens geweest was, hebben wij uijt hoofde de be„ swaarnissen door hem geallegee„ eerd, en bij gebragt, niet anders dan waarheeden waren, en een ider ten overvloede en bij onder„ vinding bekent, ten dien dage besloten, soo lang het guarni„ soen alhier door het bekomen Renfort van Ceijlon soo groot blijft, en den duuren tijd aan„ houd, hem voor ieder sieken 1½ in steede van 1. /½. fanums 'sdaags toeteleggen, en maandelijks 5: in plaetse 3. ponden peper voorts ¾ lb: van ieder soort der vier Hoofdspecerijen, in steede van de genotene 5/8. lb: van ieder, dog alle 't welke, neevens de ter sitting van den 16:' october des gepasseerden Jaars, om die was self 414 om dies Continuatie, onder welke betuijging sijn instentie mentatie van 2000: stuks brand„ hout 's maends, naar 't vertrek van het Laeste volk van Ceijlon detachemen na luijd onser Resolutie van den 22:' November J=o leeden ingetrocken is; — dog versoek door ged=t schafbaas Dog den selven heeft daar op ter sessie van den 6:' deeser maand, bij een versoek schrift betuijgd en aan„ getoond, de onmogelijkheijd die er is, om de seeke voor 1 1/5. fa: sdaags van kost te kunnen voorsien, uijt hoofde de levensmiddelen nog even duur en schaars waren, als toen hij het versoek om verhooging van Thee ende geld aangelegd hadde, met instam„ tie, dat dierhalven, de hem bij be„ sluijt van den 20: Januarij deeses jaers toegevoegde 1½. p:mn:s voor ider de tot staving van sijn versoek, bij dat off schoon het wel een reele waarheijd behelst, dat het gehalder zieken tans merkelijk minder was, dan ter tijd wanneer hij die Jnstantie heeft aangezegd, sulx egter de weesentlijke saak geen sints van gedaante veranderd hadde, nadien de Levensmiddelen nog even duur en schaers bleeven, als te dier tijd geweest waeren, be„ roepende sig ten dien eijnde op de mee„ de bewustheijd, die wij, en een ider hier, daar van hebben onder verdere verklaring had het hem absoluton„ mogelijk was met 1 1/5. fanum sdaags het te kunnen gaande houden, als tens met ½ fanum selvs, de uijtterste moeijte en selfde oorsaeke toegevoegde aug en bijdunging estaig as e es daags, behouden mag, brengen„ seeke Soa 415 ontoevoeging in tusschen aan ged.=t schaafbaas van niet meer. den ord: zeergeld sorge hadde, om de impotenten van het nodig, en conform haere gesteldheijd, dienelijk voedsel te voorsien, sonder daar bij groote aan HH: H: Ed=s schade te lijden, dewijl de groot„ heijd van het getal der sieken geen Rieel motief geweest was, waar op hij dat versoek gefun„ deerd hadde, maar wel de schaers„ heijd van levensmiddelen selve als weesende de grootheijd van het getal der impotenten door hem toen maar eenelijk aange haald, om daar door te demon„ streeken, de moeijte die hij had„ de, om in soo een schaaale tijd soo veel volk kost te besorgen, met versoek dierhalven, dat met de voorm: toegevoegde verhoging als nog continueren mogt, nader en ampelder aangehaeld bij sijn voorsz: supplicq, ter voorsz: resolutie van den 6: deeser gein„ ren wijeering van het selve sereerd, dog waar bij alhoewel wij de voorsz: geallegueerde ree„ den en accrediteeren moeste, als sijnde thans alles nog evenduur en schaers, egter besloten hebben, daar op niet te disponeeren; maar dat versoek aan uw Hoog„ Edelens te Renvoijeeren, en Hoogst derselver gevenereerde dispositie daar op aftewagten, en intusschen den voorm: schaafbaas niet meer als het ordinaire theergeld van 1 1/5 fan: sdaags voor ider persoon, goed te doen; dewijl wij ons „ bevoegd oordeelen, in een tijd dat soo seer op de me„ nagie werd aangedrongen, eene„ en ge G C N 125

NL-HaNA_1.04.02_3399_0438 view scan ↗

English

Concerning how much was received from the small seal or stamped paper, the amount received for it in the closed book year 1774 page 297. 3. -. or ƒ1337. 2. -., according to the accounts submitted for it at the resolutions of 17 August and the 6th of this month, to which we refer ourselves with great respect. Regarding the Political Council, no other change has occurred therein than that, through the promotion of the Trade Bookkeeper Hendrik Ambrosius Johnson to provisional Head Administrator, in place of the departed Senior Merchant Henricus Leembruggen, the provisional First Warehouse Master Peracules Mossel has again been elected and introduced as a member thereof. Just as in the Council of Justice, also through the aforementioned granted discharge to the Head Administrator here, Henricus Leembruggen, and the promotion of the Trade Bookkeeper Hendrik Ambrosius Johnson into the same, and thus also as President of the said Council, as well as through the granted dismissal from the same to the Assayer Jacob van Tessel upon his repeated instances made thereto because of his continually weak bodily constitution, as well as the appointment of the Junior Merchant Johannes Accama as Head of Palicol, and the Bookkeeper Brouerius Brouwer as Resident of Portonovo, there have again been introduced as members: the provisional First Warehouse Master Peracules Mossel, the Junior Merchant Gerrardus van Haeften, and the Bookkeepers Thomas Campi and Hieronimus Jacobus van Someren van Vrijenesse. Regarding the Respective Minor Colleges, the Orphanage Board as well as the Church Council, this last administering the Diaconate Poor Capital of this place, have been ordered to submit an annual short outline of the state of the orphan funds and the aforementioned poor money, so that from this there may be perceived the income and expenditures of the same, and whether they have advanced or fallen behind; just as, pursuant to that, there were received at our session of the 6th of this month the statements of account thereof, namely: of the first, such as it was under the last of August 1772/3, because the orphan books of the following book year have not yet been closed, and of the second, or the Poor Capital of the last of August 1773/4, along with that of the Leper Funds; appearing from these that the orphan funds in 1772/3 increased with an amount of pa/o 524:17:—:, originating from the greater received interest over what the expenditure and the ordinary expenses amounted to, but on the other hand the Poor Capital as well as that of the Lepers, the first decreased with pa/o 258:10:3: and the other with pa/o 35:23:19, because the greater expenditure imported more than the income. At our meeting of 11 April of this year, having come under consideration that in all governments etc. where a permanent minister is assigned, there was also a separate permanent Political Commissioner, and that this office was always filled by the Second or Head Administrator, except here locally, where one of the elders was at the same time regarded as such, and for that reason there had always been elected as one of the elders one of the junior merchants who had a seat in the Council of Policy, and also in a single case one of the merchants, who was changed once every two years, which was judged very improper and at the same time necessary, the seat of a separate permanent Political Commissioner, and as such having a seat in the Church Council on behalf of the Government, in order to oversee that everything was decided, undertaken, and executed in order and nothing contrary to the orders of the authority, the more so as the Church Council here at the same time had the care and direction of and over the Poor Capital.

Dutch transcription

416 gestempelt papier in a:o 177¾. bedraagd Lid in de politiquen raad en ingewilligde Demitsie van mitsg=s aanstelling van 4. niau„ Jtem Jan Johnson tot presi„ ge nieuwigheeden tot vermeerdering der Lasten intewilligen hoe veel het ingekomene van 't kleen zegeel of 'T gestempeld Pa„ent van Justitie Pier, belangende, bedraagd het inge„ komene daar voor in het afgelegd Boekjaer 1774 pag: 297. 3. -. of ƒ1337. 2. -. volgens daer van overgelegde reec„ keningen ter resolutien van den 17: aug=s en 6:' deeser, waar aan wij ons met veel Eerbied gedragen. aanstelling van mossel tot Den Politiquen Raed betaeffen van essel daar uijt de, is daar in geen andere verande„ ring voor gevallen, dan dat door de optreeding van den Negotie Boek„ houder Hendrik Ambrosius Jolnbon tot p=lo Hoofd-administrateur, in plaetse van de afgegane opperkop„ eleeden in deselve man Henricus Leembruggen, wee„ der tot lid in deselve verkoren en geintroduceerd is dan p=l eerste Pak„ huijsmeester Peracules Mossel. soo als in den Raad van Iustitie, meede door het voormeld verleend ontslag aan den Hoofd Admisistrateur alhier Henricus Leembruggen, en optree„ ding van den negotie boekhouder Hendrik Ambrosius Johnson, in deselve, en dus ook als presi„ dent van gedagte Raede, mits„ 6 gaders door de ingewilligde Demis„ sie uijt deselve, aan den Essaijeur Jacob van Tessel, op sijne daar toe iterative gedane Instantien„ mits sijne continueele swacke Lichaems constitutie, mitsgaders aanstelling van den onderkoop„ man Iohannes Accama, tot op„ perhoofd van Palicol, en den Boek„ gem. hou t 417 bevoolen sjaarlijks een korte schoffaan het aedoes en armen Capitaal over te geven agteren ofer te vooren geraakt ij wat daar bij consteerd houder Brouerius Brouwer tot Re¬ sident van Portonovo, weeder als dat ook ingekomen is Leeden geintroduceerd geworden sijn, den p=l Eerste pakhuijsmees„ ter seracules Mossel, den onderkoop men Gerrardus van Haeften„ en de Boekhouders Thomas Campi en Hieronimus Jacobus van Some„ ren van vrijenesse de wees kamer en kerkeniaadis De Respective Mindere Colle„ gien betaeflende, is de weeska„ mer soo wel, als den kerken„ raed, deesen Laeste als het Di„ aconij armen Capitaal deeser steede administreerende, aan„ bevolen, Iaerlijx een korte schets overtegeeven van den staat der wesen middelen, en het voorm: ar„ om daar uijt te ontwaren op laten men geld; op dat daar uijt ontwaerd kan werden, de Jnkomsten en uijtgaven derselve, en of deselve te vooren of ten agteren geraakt sijn, soo als ingevolge van dien, ter onser sessie van den 6: deeser ingekomen weesende de staat reeckeninge derselve, te weten: van de eerste Co„ danig, als onder ultimo aug=s 177 2/3. geweest is, om dat de wees„ boekjes van het volgende boekjaar nog niet gesloten sijn, en van de tweede, of het armen Capi„ taal van ultimo aug=s 177¾. neevens die der Leprosengel„ den e Consteerende bij de„ selve, dat de weesen middelen in 177 2/3. vermeerdert sijn met een montant van pa/o 524:17:—:, oorspronkelijk uijt de meerde„ re ingekomene Renten dam de uijtgave, en de gewoone ongelden der be 418 van een Commissaris politieurs in den Eerw: kerkenraad bedragen hebben, dog daar en teegen het eermen Capitaal soo wel, alsdat van de Leprosen, het eerste met pa/o 258: 10:3:, en het ander pra/o 35:23: 19: verminderd, om de wille van de meer„ dere uijtgave dan de Jnkomsten heb„ ben geimporteerd. - genomen overweeging ter plaatsing Ter onser bij eenkomste van den 11. april deeses jaers, in overweeging ge„ komen sijnde, dat in alle gouverne„ menten etc:, daar een permanent predikant bescheijden is, ook een ap„ part permanent Commesarispo„ liticus was, en dat dat amptsteeds bekleed wierd, door den tweede of Hoofdadministrateur, behalven hier ter plaetse, alwaar een der ouderlingen teffens als sodanig is aangemerkt, en uijt dien hoofde steeds tot een der ouderlingen g'eligeerd was geworden een van de onderkooplieden, die sessie in de palitie hadden, en ook wel bij een enkeld geval een der koop„ lieden, die alle twee Jaaren eens verwisseld wierd, dog het geen voor seer oneijgen en teffens noodsakelijk geoordeeld is, de sitting van een appart perma„ nent Commissaris politicus, en als soodanig van weegens de Re¬ geering sessi in den kerkenraad hadde, ten eijnde toetesien, dat alles in ordre, en neetsstrij digs teegens de beveelen van de overigheijd besloten, onderno„ men, en uijtgevoer wierde, te meer„ den kerkenraad alhier teffens de be„ sorging en directie hadde van en over het armen Capitaal g'eli en.

NL-HaNA_1.04.02_3399_0441 view scan ↗

English

419 Head Administrator the elder Van Tessel Van Mossel Request for approval of these proceedings To prescribe of the barque Den Arend and sloop 't Loo Appointment thereto of the and that of the Lepers, we have therefore resolved on that day, following the example of the other Governments, to appoint the Head Administrator here to that position, and accordingly dismissed therefrom the Assayer Jacob van Tessel, and in his place alone elected as elder the Overseer of Works Seracules Mossel; which proceedings we hope may be crowned with your High Excellencies' revered approval, but since we are not fully informed, or at least have no complete knowledge, of the matters and duties that should serve as a rule and guideline, especially concerning what both the Political Commissioner and the minister, in his capacity as president of the church council, are to observe, we most humbly request your High Excellencies to prescribe these to us, so that we may be able to impart them to them for their observation, and so they may also serve us as a guideline in case of arising disputes and alienations. and dismissal therefrom of the Election in his place and the need in that regard Acknowledgement of thanks for the dispatching Regarding the sloops and smaller vessels, we express hereby with all respect our humble gratitude for the favorable disposition that your High Excellencies were pleased to take regarding our demonstrated embarrassment for vessels, in the already made dispatching hither of the barque Den Arend and the sloop 't Loo, 420 and also two sloops Why these vessels are now all the more necessary storm encountered dispatching of the bark the first is for the collection of its packs when appearing at Jagg: also for the promise of having another two sloops built at Rembang; regarding which we must further testify that, if ever the necessity required being provided with capable and sufficient vessels, it is now, in order to have the packs and other goods brought back and forth in good time, especially with the late arrival of the ships, as one has had experience of this year, and the hold space of the sloops served us very well to provide the return ship De Pallas with a full cargo of packs. The first vessel, or the barque Den Arend, having appeared here in the latter part of August, was sent along with the other available vessels to Jaggernaickpoeram to collect the packs, but did not arrive there earlier than 27 September, thus 20 days after its departure from here, and while it was busy taking in the packs that were ready, and was already three-quarters fully loaded, according to the letter of the chiefs of 15 October last, it had to endure a virtually final storm from 7 to 12 of that month in the roadstead, 421 and with leakage remained there Unloading therefrom of the linen packs, of which 46 were found wet Sloop 't Loo Appearance finally of the journey is examined The account regarding this long helping to say so that this vessel, after the loss of an anchor, became so leaky and crippled thereby that the chiefs, after unloading the loaded packs—of which 46 pieces had already become wet due to the heavy seas that it took over continuously, through which the waist of the ship had constantly stood half full of water, conforming to the extract from the journal, a copy of which can be found among the appendices of this document—had to send it to the river of Coringe, in order to repair as well as possible the defects sustained in that storm, for, say they, to put it in such a state that it could transport a full cargo of packs or other goods preserved from it without risk of leakage, it would have to be fairly well rebuilt, for which they, even if we were to give them authorization for it, would be unable to do for lack of the necessary timber. The sloop 't Loo has also, after an unfortunate journey, first arrived at Tuticorin on 17 September for the second time, on 16 October thereafter at Sadraspatnam to anchor, and finally arrived here on the 24th of the last-mentioned month; the account of the journey of that little keel of almost 4 months

Dutch transcription

419 hoofd administrateur den onderling van Tessel van mossel versoek om approbatie dier behandelingen voor te schrijven van de barg de arend en Chia„ loup T Loo aanstelling daar toe vanden en dat der Leprosen, hebben wij dierhalven ten dien dage besloten, naar het voorbeeld der andere Gouvernementen, den Hoofd admi„ nistrateur alhier, daar toe aante en ontglag diert: daar uijt van stellen, en mitsdien als sodanig daar uijt ontslagen den Essaijeur verkiesing in sijn plaats Jacob van Tessel, mitsgaders in sijn plaets alleen, als ouderling verkoren den opsiender der Wer„ ken Seracules Mossel; welke behandelingen wij insteeren be„ kroond mag werden met uw Hoog Edelens gevenereerde Goedkeure, dan dewijl wij en het nodig dien aangaandenkundig sijn, ten minsten geen volkomen kennisse hebben, van de saken, en pligten, die dienen moeten tot een Regel en Regtsnoek, insonderheijd be„ trecking hebbende op het geene den Commissaris politicus soo wel, als den predicant in de hoedenigheijd van president van den kerkenraad, te betragten heb„ ben, soo versoeken wij uw Hoog Edelens onderdanigst ons deselve te willen voorschrijven, op dat wij in staat kunnen sijn, haer deselve tot derselver observem„ tie meede te deelen, en ons ook dienen kunnen tot een rigts„ noer in cas van opkomende disputen en verwijderingen damk betuijging voor de sending De Chialoupen en Mindere vaartuijgen betreffende, leggen wij in alle Eerbied bij deesen af„ onsen nedrigen Dankbaarheijd voor de gunstige dispositie, die het uw Hoog Edelens behaegd trec. heb: 420. nog twee Chialoupen waar om die vaartuijgen tans te noodsakelijken sijn storm beloopen pack bij opdaging na Jagg: ge„ hebben, te neemen, op onse ver„ toonde verleegendheijd om vaar„ tuijgen, in de reeds gedaane Den Arend, en de Chialoup't Loo, sonder Jtem voor de toesegging van mitsgaders het laten aanbouwen van nog Twee Chialoupen te Rembang; waer omtrent wij ver„ ders betuijgen moeten, dat soo 'er ooijt de noodsakelijkheijd vor„ derd, om met bequeme en ge„ te weesen, het 'tems is, om de packen en andere goederen over en weder tijdig te laten over„ brengen, insonderheijd bij late aankomst der scheepen, gelijk men dit Jaer, daar de ondervinding van heeft gehad, en de ruijmte der Chialoupen ons wel te passe sending dit heen van de Barca de eerste is ter afhaal van zynm te geeven; Het eerste vaar„ noegsame vaartuijgen voorsien doag a 20: daagen dar garoeveerd en 27: 7ber:, dus 20: dagen na sijn gekomen, om het retour„ schip de pallas, een volle la„ ding packen te besorgen en tuijg of de barcq van Arend in het laast van aug„s alhier opgedaegd sijnde, heeft men ne„ vens de andere aanhanden geweest sijnde vaartuijgen naar Jaggerneijk„ poeram gesonden, ter afhael der packen, dog is niet eerder dan sijn vertrek van hier, aldaar gearrivveerd, en heeft terwijl beesig was, de ingereedheijd sijnde packen in te neemen, en reeds drie quaat volladen was, volgens schrijvens der op„ perhoofden van den 15. ' october J=o leeden, genoegsaam een fina„ sijn. E be 1 421 en met 's leekagie aldaar ver„ bleeven ligting daar uijt vande Lij„ waal pack: waar 46. nat be vonden zijn Chilaloup 't Loo reijse is gexemineerd helping seggen dier maand op de rheede moeten uijtstaan, invoegen dat vaartuig daar door na verlies van een an„ ker soodanig Lecq: en ontrampo„ neerd geraekt is, dat de opperhoof„ den deselve naer ligting van de ingeladene packen, waer van 46: stux reeds nat geworden wae„ aen door de swaere zeen, welke telkens overgekreegen, en de Kuijl daar door gestadig half vol water gestaan hadde, conform het Ex„ tract uijt het Iournaal, waer van het afschrift onder de bij„ lagen deeses te vinden is, na de rivier van Coringe hebben moeten senden, om soo goed moge„ lijk van de in dat onweer beko„ mene gebreeken te verhelpen, le storm van den 7: tot den 12: vat despert: omtrend dis ver wan't seggen sij, om in staat te stellen, dat sonder resico van Leckagie een vollading packen of andere goederen, die daar voor gepreserveerd soude sijn, te ver„ voeren, deselve vaij wat soude moeten werden vertimmerd, waer toe sij, soo wij al haar 'er qualifi„ catie toe geeven mogten, buijten staat souden sijn mitsgebrek aan de nodige Houtwerken. o daging eijndelijk van der De Chialoup 'T Loo, is meede naer een teegenspoedige reijse eerste 17. 7ber: voor de tweede maale te Tutukorijn, den 16. ' october daar aan te Sadraspatnam ter houw gekomen, en eijndelijk den 24:e der laastgemelde maand alhier ge„ het verhaal weeg dieslange arriveerd; het verhaal van de reijse van dat kieltje van bij na want 4. maan

NL-HaNA_1.04.02_3399_0444 view scan ↗

English

and no neglect of duty etc. was found there. Likewise that vessels the sale of the hulls of the sloops Dorothea and Poeijloer and why were brought into the river here to be tarred, as for that purpose lie in the river here the pantjalling De Goede Verwagting, the thonijs the Johanna Maria and the Orange Spruijt. And the sloops De Papegaaij and Walvisch sent to Trinkonomale after 4 months turned over by the second mate Ian van Oostveen, has been examined by the equipment overseer here against the logbook kept on that vessel; yet no incompetence could be detected therein, according to our resolution of the 22nd of November, in which the report submitted thereof and the extract logbook are inserted, that vessel having been brought into the nearby river, because of the shallowness of the river here, into that of Naoer, with the consent of the Regent there, for wintering, in order to have one of the large sloops close at hand with the least neglect of duty, or likewise the pantjalling. While De Papegaaij and De Walvisch, having transported a part of the men of the Ceylon detachment to Jaffanapatnam and Trinkonomale, are wintering there. And although concerning the proposed sale of the worn-out sloops the Anthonia Dorothea and the Poeijoer, no mention was made or authorization granted for their sale in Your Excellencies' respected dispatch of the 8th of June, yet nevertheless assuming such to be included in the already completed dispatch of the aforesaid two vessels, and the promise of two others, we have for that reason, and because those unfit vessels, by remaining longer in the river, would become more and more rotted from below and would thereby run the risk of being smashed to pieces by the strong drainage of water from the river, resolved in our session of the 22nd of September last to sell only the hulls of the same by public auction to be broken up, which having taken place, the first generated pagodas 325 and the second pagodas 215, or together pagodas 540 or f 2430, but retaining the masts and the further rigging of sails, ropes etc., both of those vessels and the sloop De Nagtegaal, in order to be used in the service of the Honorable Company in so far as they are employable; just as upon the reports received thereof and of their condition, such decisions were taken concerning them in our further session of the 6th of this month as Your Excellencies are requested to consider therewith, as well as the highly necessary repairs that have been carried out on the sloop 't Loo and the aforesaid further vessels lying in the river here. Meanwhile, the sloop De Nagtegaal, wrecked in the river of Caijts, after all efforts made according to the reports from Jaffanapatnam for the raising and preservation of that vessel proved fruitless, was sold by public auction, yet it realized no more than Rixdollars 125, but on the other hand the expenses incurred by the Resident of Caijts on behalf of that hull amount to Rixdollars 246. 21 1/2, which after the resolution taken in the session of the 22nd of November were counted out from the Company's treasury here; and we further append hereto the copy of the logbook concerning what occurred and was accomplished in that regard, kept by the master Ian Hansz and submitted upon his return here, and which served in our session of the 10th of September last. Concerning the Foreign Nations, under the article of desertion to Karikal of 5 soldiers, we consider it our duty to bring to Your Excellencies' attention that on the 3rd of May last five soldiers named Gabriel Brunou of Turenne, Tobias Rijke of Mannheim, Philip Rijke of Schoondijk, George Trougodloser of Etern, and Baltus Everlijn of Alsem, having deserted from this garrison and made their way to Karikal, were reclaimed from the Commandant there, Monsieur Hocquart, pursuant to the cartel, but the same refused to extradite them on the grounds that all those persons were not only Frenchmen, but also most of them had served in the army of the French; according to his letter of the 4th of that month. The undersigned Governor, finding that nothing could be accomplished with the said Hocquart regarding the extradition of those runaways, directly addressed the Governor of Pondicherry, Mr. Law, by letter of the 7th following, and complained about the arbitrary conduct of Hocquart, pointing out the groundlessness of the position of that Karikal Commandant, with the declaration that if His Honour or his nation would no longer, or better, bind itself to and observe the cartel made for mutual peace, as it had done in various cases and came to do anew in the subject case, one was then also brought and would come to the necessity of acting in the same manner, and then no means would be lacking to justify our actions; but His Honour replied thereto by his letter of the 14th of the said month of May that those five deserters had not arrived there or at Pondicherry, and with respect to the conduct of Mr. Hocquart maintained in relation to those deserters, nothing had come before him or been written to him that bore any report or relation.

Dutch transcription

422 en geen pligt verluijmEtc: daar en bevonden Jtem dat vaarthuijgen de Verkoop van de rompen der Chi„ aloupen Dorothea en poeij„ aer en waarom rijs in de rivier alhier gehaalt en de Chialoupen de papegaaij en walvisch na trikono„ 4: maanden door den onderstuur„ man Ian van oostveen overge „ male gesonden geeven, is door den Equipagie opsiender alhier, teegens het jour„ naal op dat vaartuijg gehouden, g'examineerd; dog men heeft geen onkunde daar in kunnen ont„ waeren, na luijd onser Resolu¬ tie van den 22. November, waer bij het daer van overgegeeven Rapport, en het Extract Jour„ naal, geinsereerd sijn, sijnde naverse rivier gebragt dat vaertuijg mits de ondiep„ te van de Revier alhier, bin„ ben die van Naoer, met toe„ stemming van den Regens aldaar, ter overwintering ge„ bragt, om alsoo een der groote Chialoupen na bij aan de hand het minst pligt versuijm of zoo meede de patjalling le teren, soo als ten dien eijnde in te hebben; Terwijl de Papegaaij„ en De walvisch, een gedeelte van het volk van het Ceijlons de„ tachement naar Iaffanapat„ nam en Trinkonomale overge„ „voerd hebbende, aldaar overwin„ de Revier alhier leggen, de Pantjalling de goede verwag„ ting, in de thonijs de Johanna Maria en de orange spruijt. En of schoon omtrent de voorge„ „6 dragene verkoop van de afgevae„ rene Chialoupen de Anthonia Dorothea, en de Poeijoer, bij uw Hoog Edelens gevenereerde missive van den 8. Junij geen mentie gemaekt, of qualifica„ tie verleend is tot dies verkoop, dog egter veronderstelden sulx te te 423 Etc: derselve en waarom sending van voorsz: twee vaar„ tuijgen, en toesegging van nog twee anderen, soo hebben wij uijt dien hoofde, en om de wille die onbequame vaartuijgen nog langer in de Revier blijvende leggen, meer en meer van onde„ ren verrot raken, en daar bij ge„ vaar souden loopen, bij de ster„ ke afwatering van het water uijt de revier aan stucken te stooten, ter onser sessie vanden 22:' 7ber: J:oleeden beslooten, al„ leen de Rompen der selve per publicque vendutie te verko„ pen omgesloopt te werden, ge„ lijk geschied sijnde, de Eerste pag: 325. –. – en de tweede pa/o 215. –. of te samen pag: 540. –. – ƒ2430. —. geken„ te includeeren in de reedsgedane dog aanhouding van de masterdeerd hebben, dog de masten en het verder tuijg van seijlen„ touwen etc: soo wel van die vaartuijgen, als de Chialoup de Nagtegaal aangehouden, om in den dienst van de E: Comp: voor soo verre emploijabel sijn gebruijkt te werden, gelijk op de daar van, en de gesteldheijd derselve, ingekomene Rap„ porten, ter onser nader sitting van den 6:' deeser maend sooda„ nige besluijten daer omtrent genomen zijn, als uw Hoog Ede„ lens gebeeden werden, daerbij te willen beschouwen, als meede de hoognoodsakelijke verhelpingen die men aan de Chialoup 'T Loo, en de voorsz: verdere in de Revier al„ hier leggende vaartuijgen, heeft lae„ deerd ten 424 ongeluckte Chialoumag„ tegaal tigd is bijvoeging van een Extract Journaal dierw:s reclameder selve op exat fundament daaten ten doen. — soo meede van de in de Caijtae Intusschen is de in de Revier van Caits verongelukte Chialoup de Nagte gaal, nadien volgens de Jaffanapat„ moeijte tot Ligting en behoud van dat vaartuijg vrugteloos is geweest per publicque vendutie verkogt, hoe veel deselve gerendiertheft og heeft niet meer opgeworpen En wat tot dier sigting bekost: dan Rixd:s 125 dog daer en teegen be„ dragen de ongelden door den Resi„ dent van Caijts ten Behoeve van dat kieltje gedaan Rexd:s 246. 21.½. , die men alhier na het geresolveerde ter sessie van den 22:e November uijt 'sComp:s kassa heeft doen tellen, en wij voegen voorts desen bij, het af„ schrift van het Journaal weegen het voorgevallene en verrigte daar omtrent, door den gesaghebber namse berigten, alle aangewende ditertie na Carical van 5: sol, onder het articul van Ian Hansz: gehouden, en bij sijn te„ rugkomst alhier overgegeeven, mits„ gaders ter onser setting van den 10. e September J=o leeden gediend heeft De vreemde Natien agten wij ons verpligt uw Hoog Edelens ter kennis„ se te brengen, dat op den 3:' meij j=o lee„ den vijf soldaten in namen gabriel Brunoú van Turenne, Tobias Rijke van Manheijm, Philip Rijke van Schoondijk, George Trougodloser van Etern, en Baltus Everlijn van Al„ sem, uijt dit guarnisoen gedeser„ teerd, en sig naar Carcal begeeven hebbende, deselve ingevolge het cartel van den Commandant al„ daar mons=r Hocquart, gereclameerd dog wijgering daartoe en sijn, dog denselven heefd gewijgerd deselve te Extradeeren, op Fondament Jan 8 dat : 425 dolliantie daar over na pon„ die herij onder welke aantoning en betuijging gedient is dat alle die persoonen niet alleen Francen waren, maar ook de mees„ te derselve, in de Aameen der Tran„ schen gediend hadden; volgens syn brief van den 4:' diermaand, den ondergeteekende gouverneur, onder„ vindende bij gedagte Hocquart, om„ trent de Extraditie dier weglo„ pers niets te sullen uijtwerken, heeft sig daar over ten eersten bij geaddresseerd aan den Heer Pon„ dicherijsen gouverneur Lau, en over de willekeurige gedoente van Hocquard gedoleerd, onder aantooning van de ongefundeerd„ heijd van de sustenu van dien Cau„ calsen Commandant, met be„ indien tuijging dat „ sijn Edele, of sijn natie sig niet meer, of beeter binden en naerkomen wilde, aan en van het tot wederseijds gerustheijd ge„ maakt Cartel, gelijk in verscheijden„ gevallen hadde, en op nieuw in cas subject komen te doen, men dan ook in die noodsakelijkheijd ge„ bragt was en komen soude, om in selver wijse te handelen, en dan geen middelen ontbreeken soude om onse gedoente te regt vaardi„ bij sijne brief van den 14:' der ge„ melde maande meij, dat die vijf deserteurs adaar of te Pondicherij niet aangekomen waren, en ten opsigte van het gedrag van de Heer Hocquard; met relatie tot die over„ lopers gehouden, hem niets te vooren gekomen, of geschreeven was, dat eenige Rapport of betrec„ briefe van den 7:e daar aan, direct wat mandwoord daarop gen; dog daar op diende sijn Edele en king 58

NL-HaNA_1.04.02_3399_0448 view scan ↗

English

exodus of the right-hand caste at Palliacatta they were forced to take notice of the contents of the letter received by him, but that he nonetheless would write to Hoeguard, or order him to adhere strictly to the Cartel, as further appears from the further letters exchanged back and forth, inserted in the Resolution of 8 June last, with which, according to what was recorded in that Resolution, the matter has rested, and one has also had to let it rest there, since it was noticed that nothing would come of that surrender, because those defectors in the meantime have been sent elsewhere from Carcal, indeed having been made to depart from there with connivance. Regarding the Moorish and Heathen Government, there is nothing worthy of sharing for your High Honour's attention, except that the right-hand castes at Palliacatta, having been displeased for some time over the actions of the Haweldaer in favour of those of the left-hand caste, having finally broken out into revolt, all of them, even down to the lowest coolie and boatman, withdrew from there, so that the chiefs, because of that exodus, not having been able to obtain the necessary boats to unload the sloop de Papegaaij, were compelled to acquire two similar unloading vessels from the Sadraspatnam servants; just as they also obtained them, and wishing to make use of them, they were hindered therein in the name and on behalf of the departed by the threat that if they proceeded therewith, they would leave the town once and for all, at the same time holding the chiefs responsible for all the consequences. The harm that could have been caused to the interests of the Honourable Company by such a decision by those people forced the chiefs to suspend the unloading of that sloop until they had the opportunity to perform this without fear of any bad consequence, which was also arranged some time thereafter in such a way that with connivance those two boats were used, and the necessary coolies were assigned to the unloading; but under the express condition that immediately after the dispatch of the sloop both those boats should be sent back to Sadraspatnam, as indeed happened. The chiefs, rightly fearing that this exodus will have a detrimental effect on the collection, just as indeed all activities regarding it were brought to a standstill by it, had all the bad consequences of the same pointed out to the Haweldaer with full emphasis, and at the same time held him responsible for the damage that could arise therefrom with respect to the Company's interests, under the threat that if he did not settle the matter amicably, they would then address themselves both to us and to the Subah and his Regent at Arcadoe. His promises thereupon were indeed satisfactory, but the consequence or the outcome thereof did not meet expectations, and his mission to those departed peoples had an unfavourable outcome, because all his actions were accompanied by cunning intentions, and his actual aim was directed at nothing other than to distance those of the right-hand caste more and more from a reasonable satisfaction, by granting privileges to the Chittijs that were as much against reason as against the customs that had always existed there between the mutual castes, and whereby all means of pacification were frustrated, so that the chiefs found themselves compelled to complain about him both to the Subah and to his Regent at Arcadoe, titled Raasja Bierbel Bahadoek, and to repeat this more than once, until finally a certain Gopaal Rauw was sent from Arcadoe to investigate the matter and pacify the departed inhabitants. Upon his arrival this man indeed made some show of seriousness, but that has since weakened from time to time, and

Dutch transcription

426 daar bij uijtwijking van de regter„ hands Cassa te pall: sijn genoodsaakt geworden king hadde aan den inhoud vande bij hem ontfangene brief, dog dat hij des niet te min aan Hoeguard schrijven, of hem ordonneeren soude sig stimptelijk aan het Cartel te houden, nader blijkende bij de voord over en, weeder gewisselde brieven ter Resolutie van den 8. Junij J=o leeden, geinsereerd, waar bij het ok na het aangeteekende bij die Resolu„ berusting van het selve tie gebleeven is, en men ook het daar bij heeft moeten laten berusten, ver„ mits men bespeurd heeft, dat van die overgave niets werden soude, door dien die overlopers in tusschen van Carcal elders versonden sijn„ dem wel oogluijkende van daar hebben doen vertrekken. — omtrent Te moor en Heijdensche Regeering S valt niets uw Hoog Edelens attentie waardig te bedeelen, dan dat de Reg„ terhandse castens te Palliacat„ ta, 't seedert eenigen tijd mis„ noegd geweest sijnde, over de be¬ hemdelingen van den Haweldaer in faveure van die der Linker„ handsche Casta, sij eijndelijk tot op stand geraekt weesende, allen, selfs tot de minste koelij, en slengenier van daer geweeken, waar toe d'opperh: daardoor in soo verre dat de opperhoofden door die uijtweijking de nodige slengen niet hebbende konnen bemagtigen om de sloep de papse„ gaaij te ontlossen, in de noodsake„ lijkheijd geweest sijn, twee soort„ gelijke Los vaartuijgen, van de Sadraspatnamse Bediendens te ae„ quireeren; gelijk se deselve ook be„ valt ko. 427 waaren haar van den Houweldaar komen, en daar van gebruijk willende maken, wierdense uijt naam en varn weegen de uijtgeweekene daar in de let, door de bedrijging, dat wanneer daermeede voortgevaaren wierden, de stadten eenemaal en voor altoos verlaten soude, teffens de opperhoof„ den voor alle de gevolgen vereind„ woordelijk stellende; Het nadeel dat door soodanig een besluijt van die menschen, voor de belangens van de E: Comp: soude hebben kon„ nen veroorsaekt worden, heeft de opperhoofden genoodsaakt, de ont„ lossing van die sloep op te schorten, tot dat sij geleegendheijd hebben gekreegen, sulx sonder bedug„ ting voor eenig quaed gevolg, te verrigten, het geen ook eenige tijd daar na soodanig geschikt is, dat onder oogluijking die twee slen„ gen gebruijkt, en de nodige koelijs tot de ontlossing toegevoegd sijn; dog onder dat expres beding, dat on„ middelijk nade depeche van de sloep„ beijde die slengen naar Sadraspat„ nam te rug gesonden soude werden gelijk ook geschied is. en waardoor deselve beougt De opperhoofden met reeden bedugt, dat deese uijtwijking een nadeelig invloed op den insaam hebben sal, gelijk daar door ook werkelik alle de ver„ rigtingen daar omtrent tot stilstand verandwoordelijk stelling door gebragt, hebben se den Haweldaar voor alle nadeelige gevolgen met alle nadruk alle de quade gevolgen van deselve laten voorhou„ den, en Hem teffens verandwoor„ delijk gesteld, voor het nadeel, dat daar uijt ten opsigte van 'sComp=s belangens soude konnen voortkomen dat on 428 sijne beloftens teld was om het desput aftemaaken heeft. klagten dierl: door de opperh: akcadoe daar over en onder welke bedrijging onder bedrijging, dat wanneer hij de saak niet in der minne quam te schicken, sij dan sig soo wel aan ons, als aan den souba, en sijne Regent te Arcadoe, soude addres„ en voordeelige uijtslag van seeren; sijne beloften daer op wa„ ren wel voldoende, dog het gevolg aan den nabuben regenthe of de uijtkomst daer van beand„ woorde de verwagting niet, en sijne besending aan die uijtge„ weekene volkeren, hadde een on„ alsoalles met list ver„voordeeligen uijtslag, om dat alle sijne behandelingen met Listige oogmerken verseld gaende, en sijn eij„ gentlijk bedoeling nergens anders toe strekten, dan die van de Regten„ hands casten, meer en meer van een billijke voldoening te verwij„ deren, door aan de Chittijs voorreg„ ten in te willigen, die soo seer tee„ gens de Reeden, als teegens de gewoon¬ tens die aldaar altoos tusschen de onderlinge Castens plaets hadden gehad, strijdig waren, en waar door alle middelen van bevreedi¬ ging vereijd wierden, invoegen de opperhoofden sig genoodsaekt vonden over hem soo wel bij den Souba, als sijnen Regent te Aa„ cadoe, geintituleerd Raasja Bier„ bel Bahadoek te klagen, en sulx een en andermaal te herhalen, van waar mand gesonden s tot dat eijndelijk eenen gopaal Rauw uijt Arcadoe gesonden is, om ondersoek na de saak te doen, en de uijtgewekene inwoonder te de het meede daaalend gesond evreedigen, deesen heeft met sijn aankomst wel eenige vertooning van Ernst gemaakt, dog die 't seedert van tijd tot tijd verflaeuwt is, gens t en

NL-HaNA_1.04.02_3399_0451 view scan ↗

English

have rendered an extensive report on this matter. Writing thereupon by the governor to the nabob, and under what representation. And thus, like the Havildar, who seemed to have known how to win him over to his interests, kept the matter lingering in the expectation that the emigrants, powerless to make good the expenses any longer, would return of their own accord. So that the chiefs, discovering that from a longer delay in the settlement of these disputes, greater damage and disadvantage was about to arise for the Honorable Company, since all the sling-makers, with the consent of their chiefs, had already departed for Madras, and were daily followed by other people and laborers, so that within a short time one would be deprived of the most necessary inhabitants for the continuation of the Company's trade, gave us a closer and more extensive report thereof, transmitting the copies of the letters written by them to the Soubah and the Arcot Regent, as well as by the chiefs of the emigrated castes to those officials. The undersigned governor thereupon, who had already addressed the Soubah on occasions that had previously presented themselves, demonstrated in a letter the unfaithful conduct of the Havildar as well as of His Highness's envoy from Arcot, and at the same time brought to his attention the disasters that were about to result further why the chiefs thereover [illegible] was about if His Highness did not carry that matter, or his given decision, into execution with greater emphasis and earnestness, in which the interest of His Highness as well as that of the Honorable Company was so greatly concerned. Which had that desired result, that those emigrants being pacified, were finally led into the city on 16 July last with the usual ceremonies, whereupon everything having been properly restored to the old footing, the trade that had stood still during these difficult disputes was brought into motion again. at Jaggernaikpoeram his salary was settled by a second surgeon. Desired result thereof. Order for the settlement of the demonstrated salary accounts. Under the article of the [illegible], we have the honor respectfully to show Your Right Nobilities that at the session of 22 November, it was demonstrated to us by the second surgeon Oltman Ther, presently stationed at Jaggernaikpoeram, that by his pay account closed on the last day of July 1772 in the ship De Jonkvrouwe Cornelia Jacoba, he remained indebted under that date for f 117:15:11, but that according to another account of 6 December of that same year, which was allegedly closed in the ship De Bovenkerkerpolder, to which he was never assigned, he was debited in the ship's ledger of the ship Den Tempel as having been charged too unfavorably with f 161:15:11, so that at the closing of this last account under the date of the last of August 1773, when he remained here from the ship Den Tempel, he should still have been debited f 7:15:11, whereas under that date he ought to have been credited with f 36:4:5, as is further shown below: According to the account of the last of July 1772 he remained indebted: f 117:15:11 Request for redress regarding this. Carried forward: f 117:15:11 Since which time his wage had ceased on account of the loss of the ship De Jonkvrouw Cornelia Jacoba, but under the date of the first of February 1773, when he was placed on the ship Den Tempel, it had resumed its course, so that from that day until the last of August of that same year, being seven months, at f 22 per month, was earned by him: f 154:—:— Consequently, in the closed pay account in the ship Den Tempel, instead of being in debit f 7:15:11, he ought to have had to his credit: f 36:4:5 Carried forward: f 117:15:11 We decided on that day respectfully to inform Your Right Nobilities thereof, and most humbly to request Your High Selves, as is most submissively done by these presents, that this may be favorably redressed at the Indian Headquarters. Favorable. Accompanying of the said salary accounts. To which end we take the liberty to let these presents be accompanied by the three pay accounts relating thereto. Gratitude of retired officials. Pietersz. for his granted retirement pay. The retired officials, whereof the titular merchant and former Adigar and mintmaster, Cornelis Pietersz., expresses to Your Right Nobilities his deeply obliged gratitude for the high favor which Your High Selves have been pleased to show him in granting him the usual retirement pay, with retention of the title and rank of merchant; just as in like manner the bombardier Barend Hendrik Jungprin and gunner Lodewijk de Marthinus express their humble gratitude, and most humbly pray that the enjoyment thereof may be further continued, having thus herewith arrived at the main Request for its continuation. Observance of the orders not to grant new titles to Company servants. Servants, we most submissively promise Your Right Nobilities to maintain in dutiful observance the recommendation not to grant any new titles to the servants on this Coast, but to limit ourselves to that which has been approved and established in that regard. Meanwhile, we offer Your Right Nobilities our humble obligation for the favorable remission of the compensation imposed in the past year of f 1353, or the 1/6th part of the discovered errors in the promotion of the servants, against the Thanksgiving for the remission of 1/6th of the error in the promotion of the servants.

Dutch transcription

429 breedvoerig verslag dit heen gedaan hebben schrijven daar op door den gou„ vern: aan den nabab en onderwelke vertooning en dus gelijk den Haweldaar, die hem soo het scheen, in sijn belan„ gen heeft weeten overtehaelen, de saak daalende gehouden, in die ver„ wagting dat de uijtgeweekene on„ vermogend, om de ongelden langer goed te maken, wel van selfste waarom de opperh: daarover rug komen sullen, soodat de opper„ hoofden ondervindende, dat bij een langer traineering van de assopi„ atie dier geschillen, daar uijt groter schade en nadeel voor DE: Comp: stond geboren te werden, alsoo al„ le de slengeniers met bewilli„ ging van derselver hoofden reeds naar Madras vertrocken waren, en dagelijx van andere menschen en arbeijdslieden gevolgd wierden oversulx men binnen korten, van de noodsakelijkste Jnwoon„ ders tot voortsetting van sComp=s Handel beroofd soude raken, dee„ den ons daar van een nader en breedvoeriger verslag, onder toe„ sending van de afschriften der brieven, door haar aan den souba en den arkadoesen Regent, mits„ gaders door de Hoofden der uijt„ geweekene Castens, aan die Bediendens geschreeven, den on„ dergeteekende gouverneur, heeft daar op, die reeds daar over bij ge„ leegendheeden, dewelke hem te vooren gekomen waren, den souba onderhouden had, bij een brief de ontrouwe Handelwijse van den Haweldaar soo wel, als sijn Hoogheijds afgesondene uijt Arcadoe vertoond, en teffens de onheijlen die daar uijt verder ders stondt e D 430 te Jagg: nob=s sijn zoldij.: stond voort te vloeijen, onder het ooggebragt, indien sijn Hoogheijd die saak, of syn gegee wal door een tweede meester questie niet met meerder na„ druk en Ernst lietter Execu„ tie brengen, waar aan het Jn„ trest van sijn Hoogheijd soo wel„ als dat der E: Comp: soo seer ge„ gewensch gevolg daarvan leegen zag, het geen van dat gewenscht gevolg. is geweest, dat die uijtgeweekene bevree„ digt weesende, den 16: Julij Jo 86 leeden eijndelijk met de ge„ woone plegtigheeden, binnen de stad ingeleijde syn, waar op alles naar behooren, en op den ouden voet hersteld weesende, de geduurende deese moeijelij„ ke geschillen stil gestaan heb„ ven bevel ter beslissing van de reetq: gedemonstreerdes Zoldijen, hebben wij de Eere uw bende Handel weeder aan de gang gebragt is. onder het Articul der Hoog Edelens Eerbiedig te vertoo„ nen, dat ter sessie van den 22:e 9ber: ons door den tans op Jag„ gernaijkpoeram geplaatste tweede meester oltman Ther, gedemonstreerd sijnde, als dat hij bij soldij reekening onder dato ult=o Julij 1772: in het schip de Ionkvroec„ we Cornelia Iacoba afgesloten, on„ der dien datum schuldig gebleeven was ƒ 117:15:11:, dog dat hij volgens eene andere reecq: van den 6: Decem„ ber van dat selfde Jaar, die in het schip de Bovenkerkerpolder, waar op hij nooijt bescheijden is geweest, afgesloten soude weesen„ ben bij 431 bij het scheeps Boek van het schip Den Tempel belast weerd, als te quaed aangebragt ƒ 161:15: 11:, invoe„ gen hij bij het sluijten van deese Laatste reekening onder dato ult=o aug=s 1773:, wanneer hij van het schip den Tempel alhier is ver„ bleeven, nog te quaed gestaan sou„ de moeten hebben ƒ 7:15:11:, daarhij onder die dagteekening te vooren hadde moeten staan ƒ 36: 4:5, soo als hier onder nader komt te blijken volgens reekening van ult=o Julij 1772: is hij te quaad gebleeven - – ƒ117:15:1: versoik om redrs diewegens T seedert welke tijt sijn gagie mits het verlies van het schip De Jonkvrouw Cornelia Jacoba stilgestaan, dog onder dato primo februarij 1773: wan„ Ten dien dage besloten hebben, uw Hoog Edelens daar van eerbiedig kennisse te geeven, en Hoogstze„ selve te versoeken, gelijk bij d'ee„ sen onderdanigst geschied, dat sulx ter Jndiasche Hoofdplaetse guns„ staen – – – – – – – – –„ 36: 4: 5: P„r Transport. . ƒ 117:15. 11: neer hij op het schip den Tempel geplaets is gewor„ den, weeder cours genomen hadde soo dat 't seeder dien dag tot ult=o aug=s van dat selfde Jaer, sijnde seven maanden, bij hem â ƒ 22: p=a maend verdiend is – - - - - „ 154: —:: —: oversulx bij de afgeslote„ ne solaijreekening in het schip den Tempel in steede van ƒ 7:15: 11: te quaed te sijn te vooren heeft moeten Transporteere ƒ 117:15:11: tig. 57 432 reek: Pietersz: voor sijn doegevoegd rust gagie dier versoek om dies continuatie Titulative an Comp: Ed: toe te voegen tiglijk geredresseerdt mag werden verselling dierh: van gedagte soldij Ten welken eijnde wij de vrijheijd neemen, de drie soldij reekeningen daar toe Relatie hebbende, deesen te doen versellen. dankbetuijin von angurarijen De Emeriti, daar van betuijgd den titulair koopman en geweese Adigaar en Muntmeester, Cornelis Pietersz: uw Hoog Edelens, sijne diep verpligte dankbaarheijd voor de Hooge gunst, die hoogst deselve hem hebben gelieven te betoonen, in het toevoegen van de gewoone dankofferte voor de ontheffig van' /15 Rust gagie, behoudens titul en zoo meede een Canmonie en bomsen Reing van Coopman; soo als insel„ vervoegen Haere nedrige dank„ baarheijd afleggen, den Bombaa„ dier Barend Hendrik Jung prin en Cannonier Lodewijk de Marthi„ nus, en bidden ootmoedigst, dat observantie der ordres om genniuwe Dienaeren, beloven wij uw Hoog Edelens onderdanigst in schul„ dige observentie te sullen hou„ den, het aanbevolene omgeene nieuwe titulature aan de be„ diendens te deeser kuste toetevoe„ gen, maar sig bepalen, aan het geen ten dien opsigte geappro„ beerd en vast gesteld is; Jntus„ der errur in t rebsten der dienamen schen offereeren wij uw Hoog Ede„ lens onse nedrige verpligting voor de gunstige ontheffing van de in anno passado opgelegde vergoeding van ƒ1353: of het /6. gedeelte van de ontdekte Eareuren in de verbe„ tering der Dienaeren, teegens het het genot derselve alverder mag werden gecontinueerd, dus hier mae¬ de genaderd weesende tot het Hoofd„ deelder het Re.

NL-HaNA_1.04.02_3399_0455 view scan ↗

English

under which assurance and under which promises, offering of thanks also for the regulation, with the humble assurance that we shall henceforth strictly adhere to it, as well as to the further provisions made on that subject; as likewise Captain Gijsbertus Zeegelaar and Secretary Willem Duijnevelt express their deep gratitude, the former for obtaining his increase in pay, and the latter for his appointment as adigaar and mint master, as well as the collective officers belonging to this garrison and the Corps of Ceylon Auxiliary Troops, for their promotion. And they promise most solemnly that the favors so remarkably shown to them shall constantly spur them on to all zeal and vigilance in the observation of their owed duty, in order thereby not only to merit this favor shown to them, but also to fully merit the further benevolence of Your High Noblenesses. However, the one promoted to ensign, Werner Sigfried van Wulpen, has not been able to profit from this kindness, since he, well over a month before the receipt here of Your High Noblenesses' disposition, most unexpectedly absented himself from here and went missing, without it having been possible to learn or trace where he is; thanking also most humbly the superior and subaltern officers among the Eastern military for the precious favor shown to them in their promotion. The discrepancies between the Bimilipatnam Resident Jasper Theodorus Pfeiffer and his second-in-command Isaak Brouwer, of which some mention has already been made in the separate letter from the Governor addressed to Your High Noblenesses under date of the ultimate of December of the past year, have since then, notwithstanding the friendly admonitions toward peacefulness repeatedly made to them privately by the Governor, sometimes accompanied by threats, risen so high that nothing else was to be expected from them, nor could they produce anything other than detrimental consequences for the interests of the Honorable Company, the accountability for which might in time come to rebound upon us, if it were not provided for in time; since we not only understood, but also firmly establish, that the affairs of the Honorable Company could not possibly be directed well by two minds so greatly embittered against one another. Because it already appeared most evidently from the letters sent to and fro privately to the Governor, accompanied by a multitude of attachments to the point of nausea, which having been brought in and reviewed at our meeting of the 11th of April of this year, served as the foundation for the resolution made regarding this matter, what effect the discords of those two servants have already had upon the minds of the Vizianagaram princes, and what was further to be expected therefrom for the Honorable Company, since those regents were made entirely unmanageable for embracing the equitable presentations and proposals made to them concerning the lease of Bimilipatnam and its dependencies, whether for the whole or with some exception. Thus, deeming the making of redress at that factory unavoidable, not only to not confuse matters there any further, but also to prevent said princes from meddling and interfering more and more with the auctioning of the seized estate of the renter Anandapoele, being a brother of the chief servant of Resident Pfeiffer, named Moetoe Ananda Poele, and of the first-mentioned's partner Watsaar Sadiappa Moddelij, which according to the order from here had to be sold in order to recover the overdue lease monies from it as much as possible, yet the princes insisted on the suspension thereof, under promise or offer of sending some thousands of rupees in reduction of the same, which however did not appear, besides a multitude of other circumstances with which that matter was accompanied, as well as the partial conduct of those two servants in that regard, the Resident having wanted the money offered by the princes to be accepted, to which end he actually had the sale of those seized goods suspended, while the second-in-command maintained to the contrary that one had to proceed with the same to comply with the order, besides further other chicaneries and hair-splitting back and forth. So taking all of that into consideration on the aforementioned day of the 11th of April of the past year, and it being simultaneously considered that with a longer stay of those two servants, their dissensions would confuse matters there even more and bring them into an irremediable state, as it had already originated through their factions, which principally took their rise from the protection of the renters by the Resident against the means used and employed by the second-in-command to promote the collection of the lease monies, for which he was also deemed accountable, although he too in many respects had gone rather too far in and regarding the obedience which he owed to his superior,

Dutch transcription

433 onder welke verseekering Duijnevelt voor hunne bevorderinge: „cieren soo van hier als ceijlon en onder welk belofften. dankofferte meede door de bevonde ddatie van de verdri van weilfven„ Reglement, onder nedrige versee„ kering, dat wij ons voortaan daar aan soo wel, als de nadere gemaek¬ te bepalingen op dat stuk stipt dank betuijging door zegelaeren sullen houden; soo als inselver„ voegen Hunne diepe Erkentenis„ se betuijgen, den Capitain Gijsber„ tus Zeegelaar, en den secretaris Willem Duijnevelt, den Eerste voor sijne geobtineerde verhooging in gagie, en den anderen voorsij„ ne aanstelling tot adigaar en soomede do de gesamentlijke of„ muntmeester, als meede de ge„ sementlijke officieren tot dit guarnisoen, en het Corps Ceijlon„ sche Hulptroep en gehoorende, voor hun bevordering, en sij beloven op het solemneelste dat de guns„ ten aan haar soo sonderling b„ weesen, Hun steeds aanspooren postersche officieren. sullen tot alle iever en vigilantie in het betragten van hun ver„ schuldigde pligt, om alsoo niet alleen dit aan Haer beweesen faveur, maar ook de verdere be„ nevolentie van uw Hoog Edelens volleedig te meriteeren, dog van welke goedertierendheijd niet heeft mogen profiteeren, den tot vendrig bevorderden Wernersig„ fried van wulpen, alsoo den selven wel ruijm een maand voor den ontfangst alhier van uw Hoog Ede„ lens dispositie, op het onverwagt„ ste sig van hier geabsenteerden te soek gemaakt heeft, sonder dat men heeft kunnen vernee„ men, nog na spooren, waar hij bekend is; bedankende meede op het needrigste, de opperen onder sul offi„ D „ 434 noodsakelijk tot het maken eener redres tusschen de Bimilip:le 1 opperh: officieren oude de oostersche mili„ tairen voor de Dierbaare gunste in hunne bevordering aan Hunde¬ weesen. De discrepantien tusschen het Bimilipatnams opperhoofd Jasper Theodorus Pfeiffer, en Sijnen se¬ cunde Isaak Brouwer, waar van reeds eenige mentie gemaakt is geworden bij de apparte brief van den vervolg Gouverneur aan uw Hoog Edelens on„ dato ult=o December des gepasseerden jaars gerigt, sijn tseeders, ongeagt de aan hun door den gouverneur te diverse malen in het particulier vriendelijke gedane vermaningen tot vreedelievendheijd, somtijds ver seld van drijgementen, soo hoogge„ reesen, dat daar uijt niet anderste verwagten waren of deselve te weeg brengen konden, dan naadeelige ge„ volgen voor de belangens van de E: Comp:, en waar van de verandwoor„ ding in der tijd, op ons soude kon„ nen komen te redundeeren, indien daar in bij tijds niet quamen te voorsien; nadien wij niet alleen begreepen, maar ook vast stel„ len, dat de saken van d' E Comp: on„ mogelijk wel gedirigeerd konden werden, door twee teegens den ande¬ ren soo seer verbitterde gemoederen, dewijl reeds uijt de over en weder in het particulier gesondene brieven aan den gouverneur, verseld van een meenigte tot walgens toe bij„ gevoegde bijlagen, dewelke ter onser bij eenkomste van den 11:e april deeses jaars, binnen gebragt, geresumeerd weesende, gediend heb„ ben, tot den grondslag van het dier 435 dier weegens gevallen besluijt, ten evidensten quam te blijken, van wat uijtwerking, de oneenigheeden van die beijde bedienden, reeds op het gemoed van de Visianagaram se princen gehad hebben, en wat door uijt verder voor d' E: Comp: te wagten stond, alsoo die regenten ten eenemaal onhandelbaar wa„ ren gemaakt, tot het amplecte vervolg reen van de billijke voorstellingen en voorslagen die aan hun weegens de pagt van Bimilipatnam, en dies onderhoorigheeden, het sij voor het geheel, dan wel met eenige uijtsondering gedaan sijn, invoe„ gen wij het maken van redresse op die Tactorij onvermijdelijk oor„ deelende, niet alleen om de saken aldaar niet verder te brouwleeren, maar ook voortekomen dat gem: prin„ cen niet meer en meer sig quamen te mesleeren, en bemoeijen met de venduceering van de gearresteerde besitting van den pagter Ananda„ poele, sijnde een broeder van den Hoofd dienaar van het opperhoofd Pfeiffer, in name Moetoe Ananda Poele, en des eerstgemelden porti„ onaris watsaar sadiappa modde„ lij, dewelke volgens de orde van hier verkogt moeste werden, om de agterstallige pagtpen„ ningen daar uijt soo veel moge lijk te recouvreeren, dog door de princen op de opschorting dersel„ ve aangedrongen wierden, on„ der belofte of aanbieding eeni„ geduijsenden Ropijen in min dering derselve te sullen senden, maar die vervolg 436 die egter niet te voorschijn quam buijten een meenigte andere on standigheeden, waarmeede die Ja verseld gong, als ook de partiale Handelwijse dier beijde bedien dens daaromtrent, als hebbende opperhoofd gewild, dat het aangeb ne geld door de paincen geacce teerd soude werden, ten welken eijnde den verkoop dier gearree teerde rieël heeft laten opschor„ ten, terwijl den secunde daar teegen sustineerde, dat met de selve voor te gaan moeste werde om aan de ordre te voldoen, buijten meer andere Chikanes en Hair kloverijen over en weeder, soo heb„ ben wij ten voormelde dage van den 11:' april J=o leeden, alle het sel ve inoverweging neemende, en vervolg teffens geconsidereerd sijnde, dat bij een Langer verblijf dier beijde bediendens door hunne dissentie der saken aldaar, nog meer inde waer helpen, en in een onterstel„ baren staat brengen sullen, daar het reeds door Hun parthijschappen, die wel voornamentlijk Haren, oorspronk genomen hebben, uijt de protectie van de pagters door het opperhoofd, teegens de gebruijkte en in het werk gestelde middelen door den secunde, om de incas„ seering vande pagt penningen, waar voor hij meede reedevabel geoordeeld was, te bevorderen, hoewel denselven meede in veele opsigten sig vrij verre te buijten gegaan is, in en omtrent de obe„ dientie, die hij aan sijn opper„ tef hoofd, vervolg

← previousnext →