VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3429

Coromandel · 386 pages · 126 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3429_0313 view scan ↗

English

affairs, but that as soon as everything was settled, he would take the very first favorable opportunity to make known to the Princes not only the intention of the chiefs, but also, in order to avoid all difficulties, to persuade their Highnesses to come to Bimilipatnam in person. In consequence of this promise, he communicated on August 14 to the chiefs that the two Princes, Visia and Siettaramarasoe, intended to come to Bimilipatnam in order to enter into negotiations regarding the concluding of a new contract. And since then, etc., on the 21st of that month, this communicated visit took effect through the arrival of the two Princes alongside their entire court at Bimilipatnam, where they took up residence in the dwellings that had been prepared for them. The day after the arrival of the Princes, the chiefs offered to their Highnesses the contract approved by me and the Council; but the Princes sent the same back the next day with a draft contract drawn up by them, which, according to the advices of the servants, differed very greatly from the one drafted by them, as therein the right of the Company to the ground of the fort, the mint, and the three bleachfields was called into question, and the payment every two years of the present on account of the Nabobship of Siccacol was insisted upon. The chiefs, therefore, upon the receipt of that paper, had the Princes informed that it was impossible for them to enter into such a contract, because matters were mentioned therein that had never been presented to the Company. But hereupon the chiefs were asked again in the name of the Princes whether they had proof of the Company's right to the ground of the fort, the mint, and the bleachfields; to which question they replied that it was to be regarded as an indisputable proof of our right that the Company had enjoyed those privileges undisturbed for so many consecutive years, but if such was not considered sufficient, the Parwannas for it would be requested directly from here, insofar as they could not be found at Bimilipatnam. Whereupon the chiefs, searching through all Gentoo papers, finally found a Kaul wherein was mentioned the grant of the ground upon which the fort was built, together with the privilege of the mint and of the ground of the Company's bleachfield at Sanquels, of which proof they at once sent a copy to the Princes; which had the result that nothing more was disputed regarding the right to the aforementioned places. However, since the Princes saw that the chiefs would not approve the draft contract submitted by them, they pretended that they were encumbered with too many affairs to stay longer at Bimilipatnam, and thus departed after a six-day stay, leaving behind, however, their Duan Jagganadoe Raasoe and secretary, Cottoe Narsaija Pantooloe, to whom they had given not only full power, but also their seals, to sign and seal the contract whenever it should be entered into to mutual satisfaction. With these the chiefs then finally, after three days of dispute, concluded another contract, which, according to the translated copy sent over, indeed differs in words from the previous one, but nevertheless agrees in substance insofar as it confirms the free enjoyment of all our old privileges and granted to the Honorable Company absolute authority over the leased villages; as well as that the Company's merchants would be entirely independent of the Princes and have the right to a free and undisturbed trade, without they or theirs being troubled directly or indirectly by the Princes. Only those three points on which further elucidation was requested from the chiefs from here, as appears from my letter to your Excellencies of September 10, 1775, had been omitted from this contract; but because those points, in comparison with the much more important privileges granted to the Company by that contract, had appeared to the chiefs to be of minor importance, they had, in order to secure the latter with greater certainty, given up the other. And in order to prevent all further obstacles with respect to this contract, they had requested the aforementioned Jagganadoe Raasoe to prove by authentic copies of the successively granted receipts that the present on account of the Nabobship of Siccacol had been paid every two years; also, they had furthermore had it stipulated in the contract that those presents would be delivered in such manner as had been customary in the time of the previous Prince Visiaramarasoe and his successor Jaijapattij Rasoe. Yet, in order not to err in either the one or the other, the chiefs further agreed with the Duan that the Princes would bind themselves by a separate document that the contract concluded in this manner would take effect if I and the Council saw fit to approve the same, but that in the contrary case their agreement would be null and of no value, and that the chiefs would then return the leased villages back to the Princes, and their Highnesses in return would give receipts to the Honorable Company.

Dutch transcription

290 beezigheeden, dog dat hij soodra alles afgedaan was, de aller eerste voorkomende goede gelee„ gendheid zoude waarneemen, om de Prin„ cen niet alleen de intentie der opperhoofden te kennen te geeven, maar ook tot vermij„ ding van alle moeijelijkheeden, te bewegen dat hunne hoogheeden in Persoon op Prini„ lipatnam kwamen „belofte Ingevolge van deese, gaf hij op den 14. e aug: aan de opperhoofden Communicatie dat de beide Princen Visia en Siettaramarasoe voorneemens waren op Bimilipatnam te komen, ten einde wegens het sluiten van een nieuw Contract in onderhandeling te breeden. En heeft tzeederd &a op den 21. e van die mann dit gecommuniceerd bezoek gevolg genomen, door het arrivement der beide Princen nevens hun Gantsche Hofgezin op Bimilipatnam, alwaar sij hun intrek genomen hebben in de wooningen die voor hun in gereedheid ge„ bragt waren. 'S daags nadekomst den Princen, ligten de door mij en den Raad goedgekeurde Contract; dog de Princen zouden hetselve den volgenden dag terug met een door hun opgemaakt Concept Contract, dat volgens der bedien„ dens adviesen, seer veel van het geen door hun ontworpen was, verschilde, alzoo daar in het regt van de Compagnie op de Grand van het Fort, de munt en de drie bleekerijen intwijf„ fel getrokken, mitsgaders aangedrongen wierd Op de betaaling alle Twee Jaaren van het ge„ schenk wegens het Nababschap van sicca„ col -. De opperhoofden hadden dierhalven Op den ontvangst van dat Papier aan de Princen laaten weeten, dat sij onmogelijk soodanig een Contract konden aangaan, dewijl daarin saaken vermeld stonden die nimmer aan de Comp: waren voor gehou„ den; Dog hierop zijn de opperhoofden we„ derom uit naam van de Princen afge„ vraagd of sij bewijzen hadden van sComp:s regt op de Grond van het Fost, de munt opperhoofden Hunne Hoogheeden aanbieden het opperhoofden 291 in de bleekerijen; op welke vraage sij gere„ pliceerd hebben, dat het als een onbetwist„ baar bewijs van ons regt aantemerken was, dat de Comp: die voorregten sooveel agter„ eenvolgende Jaaren ongemoeit genooten reed, dog soo sulks niet voldoende gagt wierd, dat dan de Parwannas daarvan direct van hier zouwde gevraagd werden, voor sooverre die op Bimilipatnam niet te vinden waren. Waarop de Opperhoofden bij het doorzoeken van alle Jentiefsche Papieren, eindelijk gevonden hebben, een Panadoe, waarby vermeld stond den afstand van de Grand waarop het Fort gebouwt was, mitsgaders het voorregt van de munt en van de Grand van 'sComp:s Bleekerij te sanquels, van welk bewijs sij ten eersten Copie aan de Princen afgezonden hebben; hetgeen van dat gevolg is geweest, dat er niets meer wegens het regt op voorm: plaatsen gasperd geworden is —. „egter„ Dog dewijl de Princen „ zagen dat de opper„ hoofden het door hun Overgegeeven Model Contract niet wilden Goedkeuren, Gaven zij voor dat se met teveel beezigheeden be„ bemmerd waren, om sig langer te Bimi„ lipatnam optehouden, en zijn dus na ses dagen verblijfs vertrokken, onder agterlaa„ ting egter van haaren Duan Jagganadoe„ Raasoe en Secretaris, Cottoe Narsaija Pan„ toeloe, aan wier sij niet alleen volkomen magt, maar ook hunne zeegels gegeeven hebben, om het Contract, wanneer het tot wederzijds genoegen zouw weezen aange„ gaan, te kunnen teekenen en Zeegulen Met deese hebben de opperhoofden dan einde„ lijk naar drie dagen twistens een ander Con„ track geslooten hetgeen volgens het daarvan overgezonden Translaat Copja wel in woorden met het voorige differeerd, maar egter in het zaakelijke sooverre overeenkomt dat het wij genot van alle onse Oude voorreg„ ten bevestigd, en aan d dEComp: toegelaaten. wierd, een volstrekt gebied over de in pagt genomene dorpen; mitsgaders dat sComp:s Contract kooplieden E e. 1 292 kooplieden ten eenemaal onafhankelyk zoude wezen van de Princen, en het regt tot eene vrije en ongeturbeerde handeldrijving hebben, souden dat sij nog de hunne door de Prin„ cen direct of indirect mogten worden lastig gevallen. Alleen was uit dit Contract gelaaten geworden Juist die drie puncten, waar op van hier nader elucidatie van de opperhoofden gevraagd was, blijkens mijnen brieff aan uw Hoog„ Edelens van den 10. e September 1775, dog„ door dien die Poincten in vergelijking van de veel gewigtiger voorregten die de Comp: bij dat Contract waren toegestaan, aan de opperhoofden maar als eene geringheid wa„ ren voorgekomen, hadden sij om het laaste met meerder seekerheid vast te stellen, het andere Opgegeeven; En om alle verdere hindernissen ten opzigte van dit Contract voortekomen, hadden sij van gedagten Jag„ genadoe Raasoe verzogt, om door authen„ ticque Copias van de successive verleende quitantien te bewyzen dat het geschenk wee„ gens het Nababschap van Piccacol alle twee Jaaren was betaald geworden; Ook had„ den sij daar enboven bij het Contract doen be„ kend stellen, dat die geschenken zouden wor„ den afgegeeven, soodanig als ten teide van den voorigen Prins Visiaramarasoe en des„ selfs opvolger Jaijapattij Rasoe gebruijke„ lijk was geweest — Doog om Soomin in het een als het andere te misdoen, Quamen de opperhoofden alver„ ^ met den Duan„ den ^ overeen, dat de Princen sig bij een appart geschrift zouden verbinden, dat het Contract in diervoegen geslooten zijnde stand zoude Grijpen, wanneer Jk en den raad goesvond hetselve te approbeeren, maar dat bij het teegendeel hunne overeenkomst mil„ en van geen der waarde wezen zoude, mits„ gaders dat de opperhoofden als dan de in pagt genomene dorpen weder terug zouden geeven aan de Princen, en Hunne Hoog„ heeden daar en teegen weder aan dEComp: quitantien Zouden e

NL-HaNA_1.04.02_3429_0316 view scan ↗

English

would have to refund the lease monies enjoyed in advance, with interest of one half percent per month. And this matter having thus far reached its complete conclusion, Jagganadoe Raasoe gave the chiefs to understand that, since Cottie Narsaija Panteloe had been recalled by the Princes because of some weighty matters, he had also taken the seals of those rulers with him, so that the Contract for and on behalf of the Princes could not be sealed or signed at Bimilipatnam; but that the chiefs could send the same, signed and sealed with the Company's seal, to Visianagaram by the Interpreter and Brahmin, where he, the Dewan, undertook to ensure that this document would also be properly signed and sealed there by the Princes. After this, the said Dewan Jagganadoe Raasoe departed immediately; and as soon as the aforementioned papers were prepared, he was followed by the Interpreter and Brahmin, who, two days after their arrival at Visianagaram, offered the Contract signed by the chiefs to the Princes; Their Highnesses not only accepted the same, but after keeping it for several days, they sent the Interpreter and Brahmin back, with orders to tell the chiefs that they would have the Contract, together with the duplicate thereof signed and sealed, delivered to them, which indeed happened shortly thereafter. The Brahmin who was dispatched on behalf of the rulers with this, having arrived at Bimilipatnam, handed over to the chiefs a letter from the Princes, whereby Their Highnesses communicated that the aforementioned Contracts were being sent over with that Brahmin, and that he was ordered on behalf of the rulers to deliver the same to the chiefs as soon as they should have handed over to him the previous five-year Contract which the Princes demanded back, under the pretext that the lease having expired, the same could no longer be of any use to the Company. Furthermore, Their Highnesses declared in the said letter that, with regard to the gift of the Nabobship of Siccacol, they referred to the statement which the said Brahmin would make. To the aforementioned request of the rulers, the chiefs merely gave that envoy to understand that when he returned the Contract signed by them, they would know what they had to answer to the letter of the Princes, to which he replied that this document had remained with Prince Visiaramarasoe, but since His Highness was only one hour's walk from Bimilipatnam, he would go and fetch it and deliver it to the chiefs that very same day; and as he was leaving for this purpose, the chiefs had him asked, through the Interpreter and Brahmin before his departure, for the promised proof of the gift regarding the Siccacol Nabobship, which he handed over; but they found that, far from being authentic copies of issued receipts as had been promised, it appeared to be only a loose note, of which the chiefs say they have reason to believe that they had drawn it up in haste according to their own liking, as that paper contained nothing other than the collected monies from two years to two years. After handing over the said paper, the Prince's Brahmin having departed, he has not returned since, and the chiefs learned after his departure that he had both Contracts in his possession, but had orders, since they had been signed and sealed by the Princes, not to deliver them before he had the previous five-year Contract in hand. And here the matter has remained for the present, as far as I am aware. Meanwhile, I have not failed, by general letter of the 9th and separate letter of the 22nd of December last, to address the chiefs about this in serious terms, but I have also asked them what reason they had to refuse the return of the aforementioned Contract to the Princes, since it had long since expired and thus had become useless to the Company, and they moreover could not be unaware that the counterpart thereof was kept here at the secretariat. And since by that imprudent act they have made this affair precarious for the Company and dangerous for themselves, it has been resolved by me and the Council by decision of the 24th of November last, to leave the sum of rupees 24993.–, or pagodas 7405:8.–, so prematurely paid by the chiefs to the rulers for the three-year lease payment, for their own account and responsibility for as long as until the Contract drafted by the rulers, which I have the honor most humbly to enclose herewith, shall be mutually signed and sealed. With which decision I hope that Your Excellencies will be pleased to conform. In my previous separate report of the 30th of October 1775, I mentioned, as a rumor that was being spread at the time, that the English seemed to be intent on reducing the Nabob's greatness and power by taking possession of his lands, but now, with the arrival from Europe at Madras of the new Governor of the English there, Lord Pigot, who arrived on the 9th of December last, this seems to have become a certainty. He, being a gentleman who previously, or in the years from 1755 to 1760, held the authority there, is, as is said, provided with very many and weighty orders from Europe, which are to be put into execution in the near future.

Dutch transcription

293 zouden moeten restitueeren de vooruijt geno„ tene pagtgelden, met den intrest van Een halfe percento Smaands En Chiermede die saak in sooverre sijn vol„ komen beslag erbangd hebbende, gaff Jagga„ nadoe Raasoe aan de opperhoofden te ken„ nen dat dewijl Cottie Narsaija, Panteloe om eenige gewigtige zaaken door de Prin„ cen te rug ontboden was, hij ook de zeegels van die vorsten had medegenomen, dat over„ sulks het Contract voor en van wegen de Prin„ cen op Bimilipatnam niet kon verzegeld off geteekend worden; dog dat de opperhoofden hetzelve geteekend en met 'sComp:s Cachet verzeegeld door den Tolk en Brauine na Visianagaram konde zenden, wanneer hij Duan aannam te bezorgen, dat dit geschrift aldaar door de Princen almeede behoorlijk geteekend ende verzeegeld zoude worden. Hierna was Gemelden Duan Jagganadoe Ra„ soe ten eersten vertrokken; en soodra de voorschreeve papieren vervaerdigd waren wierd hij door den Tolk en Bromine gevolgd, die twee dagen na hun aankompt te visiandga„ ramn het door de opperhoofden geteekende Contract de Princen aangeboden hebben; Hunne Hoogheeden hebben hetzelve niet alleen aangenomen, maar na het eenige dagen aan„ gehouden te hebben, zonden bij den Tolk en Bramine terug, met Last om aan de opperhoofden te zeggen dat sij het Contract met het dubbeld daar van onderteekend en verzeegeld aan hun zouden doen bestellen gelijk kort daarop ook geschiedd is . De Bramince die daarmede van wegen de vorsten wierd afgezonden, gaff, op Bimi„ lipatnam aangekomen zijnde, aan de oppen„ hoofden een brieff van de Princen over, waar„ bij Hunne Hoogheeden Communicatie Gaven, dat de voorschreeve Contracten met dien Bra„ mine wierden overgezonden, mitsgaders dat hij van wegen de vorsten gelast was om deselve aan de opperhoofden te behandi„ gen, /: soo dra sij het voorige vijff Jaarige Con„ hij tract 294 Contract dat de Princen terug Eijschten, onder voorwendzel dat de pagtheid verloopen zijnde, hetselve geennut meer aan dE Comp: konde doen:/ aan hem zoude hebben over„ gegeeven. Voorts verklaarden Hunne Hoogheeden bij gedagte brieff dat zij sig wee„ gens het geschenk van het Nababschap van Siccacol aan de opgaane die gedagte Bra„ mine zoude komen te doen, gedroegen. Op het voorsz: versoek der vorsten hebben de Opperhoofden eeniglijk aan dien zendeling te kennen gegeeven, dat wanneer hij het door haar geteekend Contract weder terug gaff, sij weeten zouden wat se op den brieff der Princen moesten antwoorden, en heeft denselven daarop gerepliceerd dat dit ge„ schrift onder den Prins Visiaramarasoe ver„ bleeven was, dog wijl zijn Hoogheid maar Een uur Gaans van Bimclipatnam was, hij het zouw gaan haalen en nog dienselvden dag de opperhoofden ter handstellen, en hij hier„ meede neengaande, loeten de opperhoofden hem nog voor zijn vertrek door de Tolk en Braminel afvraagen, het beloofde bewijs van het Geschenkeb„ wegens het siccaoolse Nababschap, het geen hijds heeft afgegeeven, maar sij hebben bevonden dat het verre van authenticque Copiën van verleende quitantien te zijn, soo als beloovd was, alleen een losse aanteekening scheen te wezen, van welke de opperhoofden zeggen reedent te hebben van te gelooven, dat se hetselve in„ der ijl naar hunne eige zinnelijkheid hadden Opgemaakt, alsoo dat Papier niet anders behelsde als de behaalde gelden van Twee Jaaren tot Twee Jaaren. Na het overgeeven van gedagte Papier, 's Prin„ gen Bramine vertrokken zijnde, is hij 't zee„ derd niet terug gekeerd, en hebben de opperhoof„ den na sijn vertrek teweeten gekreegen, dat hij beide de Contracten onder sig gehad heeft, maar Last had om se, wijl dezelve door de Princen onderteekend en verzeegeld waren, niet over te geeven voor dat hij het voorige vijf„ Jaarig Contract in handen hade. nog P En e 295 En hierbij is voor als nog die zaak gebleeven, voor sooverre mij bekend is. Intusschen heb ik niet gemanqueerd bij gemeene brieff van den 9=e en apparte van den 22. e december pass=o, de opperhoofden daar over in ernstige Termen te onderhouden, maar ik heb hun teffens afge„ vraagd wat reeden sij gehad hebben, om de terug gaave van het voorsz: Contract aan de Princen te wijgeren, daar het Lange ten einde geloopen en dus voor dEComp: onnuut gewor„ den was, en sij boven dien niet onweetend konder wezen, dat de wedergade daar van al„ hier ten secretarije berustende was.. En dewijl sij door die onvoorzigtige daad deese affaire netelig voor dE Comp: en ge„ vaarlijk voor haarselven gemaakt hebben, is bij mij en den Raad verstaan bij besluijt van den 24. e November JLeeden, de door de opperhoofden aan de vorsten soo vroeghij„ dig afgegeeven somme van ropias 24993. –. off p:a/o 7405: 8. –. voor de drie Jaarige pagt„ schat, soo lange voor hunne reekening en verantwoording te laaten, tot het Contract door de Vorsten ontworpen, dat ik de Eere heb„ be hier allernedrigst bij te voegen wederzijds geteekend en Verzeegeld weezen zal. Met welk besluit jk hoope dat uw Hoog Ede„ „lens sig zullen gelieven te Conformeeren —. In mijnen voorigen apporten van den 30. e October 1775, maakte ik als van een gerugt, dat ter dienheid verspreid wierd, gewag, dat de Engel„ schen sig scheenen toeteleggen om 's Nababs grootheid en magt te verminderen, door be„ zit van sijne Landen te neemen, maar thans scheind met de komst uijt Europa Op Madras van den nieuwen Gouverneur der Engelsche aldaar Port Pigot, die op den 9=e December Laastleeden arriveerde, die heid geboren te wezen—. Hij een heer, zijnde „tol 1760. die bevoorens off in de Jaaren van 1755. „ het gebied aldaar in handen gehad heeft is, soo als gezegd word met zeer veele en Gewigtige beveelen uit Europa voorzien, welke eerstdaags ten uijtvoer staan gebragt te worden. en E Hhet

NL-HaNA_1.04.02_3429_0319 view scan ↗

English

The first that has been learned of his actions is the suspension from function of his predecessor in that government, Mr. Wynch, and some council members who gave their assent to the capture of Tanjour by the Nabob, whose places have been filled again by three other members brought with him from Europe, who it is said will shortly depart for the North to investigate all matters concerning the English Company and its servants. For the rest, everything at Madras is treated with the utmost secrecy, and concerning the principal matters with which Mr. Pigot is charged nothing leaks out, at least nothing can yet be said of it with certainty, although a two-sided rumor is circulating, of which the first reports that the English will take from him the Kingdom of Tanjour, as well as the places conquered by the Nabob in the south, such as: Ramanadapoeram, Siwakingie, and in the North Arrialoer, Oedearpalium, and Arneij, and will return all of them to their lawful Princes; and the other spreads that the English will take possession of all the aforementioned places themselves for their Company; so that the truth or falsehood of this cannot yet be judged at all, and one must therefore leave the discovery thereof to time. Meanwhile, I have been assured from a reliable source that Mr. Pigot has stripped the Nabob of the honorific title of His Highness, as not belonging to him. The aforementioned turn of affairs at Madras, and especially in the system of the Nabob, will make that proud prince somewhat more tolerable, and thus I expect that the dispute over the pearl fishery will through this soon be brought to a settlement in favor of the Dutch Company. Of the invasion by the Nizam's brother into the lands of the Nabob, of which I respectfully made mention in my aforementioned letter of the 30th of October of last past year, I have now received a further account as well as of the outcome of that affair, containing principally: That Ballarie, a city belonging to the Nabob or Carnatic Soubah Mahometh Alichan, situated close to Siringapatnam or the capital of Haijder Alichan, was attacked and kept enclosed with his troops in the month of October of the previous year by the brother of the Golconda Nizam, named Bassalatoe Jengoe. That Haijder Alichan, receiving news of this, immediately marched out from his residence with a considerable army of circa 4000 horsemen, 10000 Sepoys, and 400 Europeans, together with an artillery of 50 pieces of cannon, and having approached before the city of Ballarie with forced marches, he attacked Bassalatoe Jengoe and routed him entirely; after which he not only imposed a contribution of 30,00,000 rupees on that general, but also took the city by storm, with the expulsion of the governor who had exercised authority there on behalf of the Soubah. This having been accomplished by Haider Alichan, he marched with his army before Candanoor, from which city he demanded and received a contribution of 10,00,000 rupees, after which he broke camp with his troops toward Adonie, being a Moorish place like Candanoor, which is now actually besieged by him. What outcome his further enterprises will have, time must show us; but it is believed that when he conquers that place or can conclude an advantageous contract with the Moorish Ruler there, he intends to march into the land of the Marattas, and especially to their city of Gooti, without it being known to what end. And this being all that I can for the present communicate to Your Right Excellencies concerning the Princes of this country and their actions, I note for the rest with due respect that I will dutifully comply with what was ordered by Your Right Excellencies' secret missive of the 29th of May Anno 1775 to send annually to the Gentlemen Majors a specific statement of all European merchandise that has been disposed of here in the space of ten years at each trading place or factory, and a notice of the prices of all the goods as they were sold in each year, with quotation of the quantities sold, now and annually in our respectful writing to Their Right Excellencies via Ceylon, by offering the aforementioned papers, which I hope may meet Their Right Excellencies' expectation, as also that of Your Right Excellencies, to whom I take the liberty today to offer two copies for inspection. Before I proceed to the conclusion of this, I take the liberty still to note with respect that the inhabitants of the new village of Reinier Pette are increasing from day to day through the arrival of new families, so that one already counts there, according to the statement of the Adigaar of the villages, fifty families consisting of weavers, painters, and red-dyers, who are all provided with good habitable houses. Wherewith I commend Your Right Excellencies, very Illustrious Persons, together with the state and welfare of our precious Company, to the Almighty Protection of God, while I call myself with the utmost respect, underwritten: Right Honorable, Highly Esteemed, Sovereign Gentlemen and Honorable Sirs, lower: Your Right Excellencies' humble and obedient servant, was signed: R: V: Vlissingen, in the margin: Nagapatnam in the Castle, the 15th of January anno 1776. Belongs to the received letters and papers of Coromandel 1776. Some copies of contracts entered into with the Tanjourian. 6 # L Book 299 No: 19 Agrees Vlissingen G 2. 353

Dutch transcription

296 Het Eerste dat men van zijne bedrijven ver„ nomen heeft, is het buijten finotie stellen van synen Predecesseur in dat Gouvernement M. r Wijnch en eenige raadsleeden die haar Item gegeeven hebben tot de overmeestering van Tansjour door den Nabab, wiens plaat„ sen weder vervuld zijn door drie andere Lee„ den door hem mede uijt Europa gebragt, die men zegd dat Eerstdaags naar de Noord zullen vertrekken om alle zaaken de Engel„ sche Compagnie en haare bediendens Conven„ weerende te onderzoeken. Voor het overige word op Madras alles met de uijtterste secretesse behandeld, en van de voor„ naamste zaaken waarmede M. r Vigot belast is zekt niets uijt ten minsten daar kan met seekerheid nog niets van gezegd worden, schoon en een twee zijds gerugt loopt, waarvan het Eerste debiteerd dat de Engel„ schen het Tansjoursche Rijk, mitsgaders de door den Nabab overwonnen plaatsen om de zuid, als: Ramanadapoeram, Siwa„ Kingie, en om de Noord Arrialoer, oedear, palium en Arneij, hem afneemen, en alle dezelven weder aan haare wettige Vorsten terug geeven zullen, en het andere spargeerd; dat de Engelschen alle de voorschreeve plaat„ sen zelve voor haare Compagnie in bezit nee„ men zullen; zoo dat er van de waar of Onwaarheid van dit een en ander nog niets te oordeelen is, en men dus de ontdekking daar van aan de leid diend overtelaaten —. In„ tusschen is mij egter van goederhand verzeekerd dat M r Pigot den Nabab afgenamen heeft den Eer Titul van zijn Hoogheid als hem niet Competeerende De Voorschreve omkeering van Zaaken tot Madras„ en wel voornamentlijk in het Sijstema van den Nabab, zal dien Trotsen vorst wel wat verdragelijker maken, en dus verwagt ik dat hier door het verschil van de paarlvitscherij wel haast in faveur der Nederlandsche Maatschappij tot Liquiditeit zal gebragt worden kingie, Van E 297 Van de Invasie door 't Nisams, broeden in de Lan„ den van den Nabab, waarvan ik eerbiedig melding maakte bij mijne meergemelde brieff van den 30. e october des Jongst verwee„ ken Jaars, heb ik thans zoowel als van den uitslag dien affaire eene nadere beschrijving bekomen, beheezende hoofd zaakelijk: Dat Ballarie, een stad toebehoorende aan den Nabab of Carnaticasen Souba Macho„ nieth alichan, geleegen digt bij Ciringa„ patnam of de hoofdstad van Haijder Ali„ chan, in de maand October des voorigen Jaars door den broeder van den Golconda„ sen Nisam in naame Bassalatoe Jen„ goe met sijne Troupen aangetast en in„ gesloten gehouden was. Dat Naijderalichan hiervan teiding krij„ gende, ten eersten uijt sijne residentie is ge„ rukt met een aanzienlijk zeeger van Circa 4000. ruijters, 10000. Sipaais en 400. Europeen schen, mitsgaders een arthillerij van 50. stuk„ ken Canon, en daarmede met gefordeerde man„ marchen voor de stad Ballarie genaderd wee„ zende, hij BassalatoeJengoe aangetast en tot aliker geslagen heeft; waarna hij niet al„ leen dien veldheer eene Contributie van 30'0'000. rop:s opgelegd, maar ook de stad stormenden„ hand ingenomen heeft, met Verdrijving van den Gouverneur die er van wegens den Sou„ ba het gezag gehad had —. Dit door Haider Alichan verrigt zijnde, is hij met fijn arméé voor Caudanoor gerukt, van welke stad hij gevorderd en Ontvangen heeft eene Contributie van 10'0'000. rop:s, waarna hij met sijne troupen opgebro„ ken is na Adonie, zijnde een Mhoorsche plaats gelijk Candanoor, die thans door hem werkelijk beleegerd is—. Wat uijtslag sijne verdere onderneeminge hebben zullen, moet de teid ons leeven; maar men meent dat hij wanneer hij die plaats veroverd of met den Mhoorsen Regent aldaar een voordeelig Contract sluiten kan, voornee„ niens is, na het Land der Marattijs en chen wel e 298 wel insonderheid na hunne stad Goeki te trekken, sonder dat men weet tot wat einde„ En dit het alles (zijnde wat ik voor het teegens woordige omtrend de Vorsten van dit Land en hunne bedrijven uw Hoog Edelens kan bedeelen, noteere ik voor het overige niet ver„ schuldigd respect dat ik het g'ordonneerde bij Hoog derselver secreete missive van den 29=e Mey A=o 1775 om Jaarlijks aan de Bee„ ren Maijores overtezenden Een specificque staat van alle de Europasche Coopmanschap„ pen die alhier in den heid van thien Jaaren Op ieder handelplaats of Comptair verthierd zijn, en Eene Notitie der prijsen van alle de goederen zoo als dezelve in ieder Jaar Ver„ kogt zijn geworden, met aanhaaling van de Verkogte quantiteiten, thans en Jaarlijks bij ons eenbiedig schrijven aan Hoog dezelve Over Ceilon, Schuldpligtig nakomen zal, door het aanbieden der voorsz: papieren, welke Jk hoope dat aan Hoog derselver verwagting mogen beantwoorden, Gelijk meede aan die van Uw Hoog Edelens aan wien ik heeden de vrijheid neeme Twee afschriften tot speculatie aante bieden —. Alvoorens ik tot het slot deeses overga, neeme Jk de vrijheid nog in Eerbied te noteeren dat de inwooners van het nieuwe dorp Reinier Pette van dag tot dag vermeerderen, door het aankomen van nieuwe huijsgezinnen, dus men en reeds, volgens opgaave, van den Adigaar der dorpen Vijftig Buis gezinnen bestaande in weevers, schilders en roodver„ wars teld, die alle van goede bewoonbaare huizen voorzien zijn. Waarmede ik uw Hoog Edelens, zeer Illustre Persoonen nevens den staat en welvaard van onse dierbaare Maatschappij, beveele in de Almogende Protectie Godes, terwijl Jk mij met de uijtterste Eerbied noeme /:onderstond:/ Hoog Edele Groot Agtbare Wijdgebieden den Heere en WelEdele Hee„ ren /:Lager:/ uw Hoog Edelens ootmoe„ dige en Gehoorsaame dienaar /:was ge„ Aan t teekend:/ 299 Behoort tot de overgekomen Brusen in papuer van Chormandel 1776. geteekend:/ R: V: Vlitsingen /:in margine:/ Nagapatnam in't Casteel den 15:' Januarij anno 1776. Eenige Copias Contracten met den Jansjouwer aangegaan 6 # L Boek 299 No: 19 Accordeerd Gessingen G 2. 353

NL-HaNA_1.04.02_3429_0323 view scan ↗

English

The original contract engraved on silver and written in the Malabar Pali, originally signed by Egosie Ragie, present Landlord and Prince of Tansjouwer, and the original translation from the Malabar by Ragie Wangena, as the authorized representative of His Highness Egosie Ragie in the field camp before Sickel, signed on the 11th of December 1679 in the presence of commissioners, reads as follows. Translation of the contract and articles of agreement and alliance between the Honorable Illustrious Dutch East India Company and Egosie Ragie, Field Commander and Grand Governor of the Tanjore lands on behalf of the Crown of Visiapoer, entered into with Senior Merchant Gerrit Vouwer, Merchant Thomas van Rhee, and further members of the Council at Nagapatnam, and on behalf of the Honorable Mr. R. van Goens the Younger, Extraordinary Councilor of India, Governor and Director of the Island of Ceylon, the coasts of Madure, Inchiado, the city and lands of Nagapatnam, representing the Honorable Mr. Governor-General and the Honorable Councilors of the Dutch East India Company in India. That the war, enmity, and all estrangement that has occurred between the Honorable Company and Egosie Ragie shall cease from now on and be transformed into a firm, unbreakable, and everlasting peace, alliance, and friendship, which with the entering into of this contract shall take effect and be maintained mutually among the subjects, and that under the conditions of the following articles which Egosce Ragia grants, consents to, and agrees with the Illustrious Dutch East India Company in the name of the Visiapoer Crown as follows: Firstly, that the Honorable Company shall have and enjoy unhindered a free trade throughout the entire land of Tansjouwer, paying half duty on all merchandise that their servants or merchants import and export, in the exact same manner as the same was granted to the Honorable Company by the Visiapoer Field Commander Mollamochamadoe, and after him the late Naik of Tansjouwer Visiaqua Raqua in the year 1661 by a caul engraved on a silver plate, which free trade and half-duty privilege Egosie Ragia hereby also grants and allows to the Honorable Company, with such further freedoms and privileges to their Honors throughout the entire country as are included in the said caul resting in the custody of the Honorable Company, which Egosie Ragie declares he renews and confirms in accordance with the contents by this article, in the same manner as if His Highness had granted it himself to the Honorable Company. Secondly, Egosie Ragie hereby renounces all actions and claims that the Crown of Visiapoer or His Highness Egosie Ragie might have by right of conquest or otherwise over the outer town of Nagapatnam and the Honorable Company's ten old villages aforementioned, of which actions and claims Egosie Ragie hereby renounces, placing the aforementioned outer town, the ten old Company villages, and the aforementioned two places Poujour and the pagoda China under the sovereignty of the Dutch East India Company with equal right and authority over the same, as contracted, agreed, and thereupon taken into possession by the Honorable Company by the Honorable Mr. Admiral, now Director-General of India, R. van Goens, by contract of 13 September 1674, alongside the coastal places Trimelepatnam and Carcal, with Cawatta Naik as the authorized representative of the Naik of Madura. For which the Honorable Company now promises to pay to Egosie Ragie an annual recognition in cash and one tusked elephant, to wit: For the ten old Company villages, etc. - - - - - - - - 1200 pardaus For the outer town - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 3000 pardaus Totalling together . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4200 pardaus at ten canums the pardau of 3½ mat each, which the Honorable Company shall be bound to pay annually, alongside a tusked elephant, to Egosie Ragie or his authorized representatives each time after the end of the year. Thirdly, that the Honorable Company's ten old villages shall be and remain on the side of the Honorable Company, as well as the garden Ponjour situated on the south side of the city of Nagapatnam and the garden west of the China pagoda, included in the same caul of the old Naik of Tansjouwer, which Egosie Ragie surrenders to the Honorable Company with equal right in conformity with the said caul. Fifthly, Egosie Ragie hereby undertakes to protect the aforesaid contracted places, and in the event that he fails to do so and the Honorable Company finds itself compelled to do so at its own expense, these same expenses shall be credited to the Honorable Company in reduction and deduction of the annual recognition money. Sixthly, Egosie Ragie consents and permits the Honorable Company to mint currency within Nagapatnam, both fanams and pagodas, the canums according to the manner and alloy as is customary in the lands of Tansjouwer, of 3½ mat, and the pagodas of the alloy of Paliacatta at 8 7/8 mat each, also in the same manner as the Honorable Mr. Admiral stipulated and agreed the same with Cawatte Naik abovementioned, provided that the Honorable Company and Egosie Ragie shall each draw half of the profits and revenues of the said mint after the expenses have first been deducted from it, and Egosie Ragie shall be permitted to place a person in the said mint to keep account of revenues on behalf of His Highness.

Dutch transcription

300 Den origineel op silver gegra„ veert ende in de Mallab: Pali geschree„ ven Contract, door Egosie Ragie Present Landheer en de vorst van Tansjouwer origineel gechiaapl ende het origineel Translaat uit het Mallabaars door Ragie wan„ gena, als gemagtigde van zyn Hoogheit Egosie Ragie in 't velt Leger voor Sickel den 11: December 1679. in presentie van gecommitteer„ dens getekent Luijdende als volgt. Translaat Contract en Artije„ kelen van verdrag en alliantie tus„ schen d'E: Doorlugtige nederland„ sche oostindische Comp:e en Egosie Ragie Veltoverste en Groot Gouverneur der tansjouwerse landen weegens de Croon Visiapoer „aangegaan met den opperkoopman G:r Vouwer coopman Thomas van Rhee, en verdere Leeden van den Raad tot nagapatnam en van weegen D' Ed: Heer R: van Goens Djonge, Raad Extra ordinaris Dubbel 1676 301 ordinaires van India gouverneur en directeur van 't Eijland Ceilon de custen Madure Inchiado de stad en Landen van Nagapatnam Repressenteerende, d Ed: Heer Gouverneur Generaal en de Ed: heeren Raaden van de neder„ landse oost Indische Comp:s in India. Dat den oorlog vijandsz en alle verwijderinge tus„ schen DE: Komp: en Egosie Ragie gevallen van onu aan zal cesseeren en verandert worden in Een vaste onverbreekelijke en Eeuwig durende vrede alleantie en vriendschap die met 't aangaan van dit Contract weder sijts bij de onderdanen stand grijpen, en onderhouden werden zal, en dat onder Conditie van de naarvolgende artijkelen die Egosce Ragia de doorlugtige nederlandsz: oostmaische Comp:e uit de naam van de visiapourse Croon toestaat, in willicht en veraccordeert als volgt. Eerstelijk dat dE Comp„e zal hebben en onverhin„ dert genieten een vrijen koophandel door 't geheele land van Tansjouwer betalende van alle Coopmansz die haar Dienaars of Coopl: op en afvoeren halve thol, even zodanig als het zelve dE Comp: door den visiapoursen velth=d Egosie Ragie doet bij deezen afstand van alle actien en pretensien die de kroon visiapoer ofte zijn hoogh:t Egosie Ragie Dat des E: Comp:s thien oude dorpen zullen zijn en verblijven aan de zijde van DE Komp:e gelijk ook de thuijn Ponjour geleegen aan de suijt sijde van de stad Nragapatnam en de thuijn bewesten de pagood China staande in het zelve caul van den ouden Oraik van Tansjouwer begreepen dewelke Egosie Ragie met gelijke oegt Conform het voor caul aan d'E: Comp: overgeeft; — Mollamochamadoe, en daar ona den overlee„ den Naik van Ian sjouw:r visiaqua Raqua a:o 1661. bij Een Caul op Een silverplaat gegrav. vergunt is, welken vrijen handel en halve thols geregtigheid Egosie Ragia bij deezen meede aan d' E: Comp:e vergunt en toestaan met zoodanige vrij„ heeden en privilegien meer, aan haar hoopE: door 't geheele land, als in 't zelve Caul onder dE Comp:s berustende begreepen staat 't welk Ego„ „sie Ragie verklaare Conform den inhout met dit artykel te renoveeren, en confirmeeren in maniere of zijn Hoogh:t het zelvs aan D' E Comp:s verleend Mollamochamadoe uit 1. 2: 3: 600 302 uit kragter van Conquest als anders zouden moogen hebben op de buijten stad Nagapatnam en des E: Comp:s thien oude dorpen voorm: van welke actien en prententien Egosie Ragie mits deezen renuncieert stellende de voorm. buijten stad, de thien oude Comp:s dorpen en de voorm: twee plaatsen poujour en de pagood china onder de heer schappije van de nederland se oostindische Compe met gelijke regt en Au„ „thoriteid over dezelve zoodanig door d' Ed: Heer admiraal nu directeur Generaal van Indie R: van Goens bij Contract van den 13. 7br: 1674. neevens de zee plaatsen Trimelep: en Carcal met Cawattenaik als gemagtigde van den naik van Madura gecontracteerd, geaccordeert, en daar op bij DE Comp:e in possescie genomen zijn, waar voor d'E: Comp:e nu aan Egosie Ragie belooft te voldoen een Iaarlijksche Recognitie in Contant gelt, en Een getanden Eliphant te weeten voor de thien Comp:s oude dorpen Etc=ra - - - - - - - - pard:s 1200:— voor de buijten stad - - - - „ 3000 bedragende te zamen. . . . . . . pard:s 4200 — â thien Canums de pardauw van 3½ mat: ider die DE Comp: gehouden zal weezen Jaer„ lijks beneffens een getanden Eliphant aan Egosie Ragie, neemt mits dezen aan d' voor seijde gecontracteerde plaatzen te beschermen en ingevalle daar toe in gebreeke blyft en d' E: Comp. e zig genoodzaakt vint op hun kosten 't zelve te moeten doen, zullen dezelve onkosten d'E: Comp:s valideeren tot verminderinge en afkortinge van de Iaarlijxe Recognitie penn: Egosie Ragie consenteerd en staat d'E Comp:s toe, binnen Nagapatnam munt te moogen slaan zo famuns als p a/o de Can:s naar de maniere en alloij als dezelve in de landen van Tansjouwer in gewoonte zijn, van 3½ mat en de pa/o op de alloij van Paliacatta â 8 7/8. mat, ider, meede op gel: wijze d' Ed: heer admiraal 't zelve met Cawatte Nraik, booven verm: bedongen en geaccordeerd heeft, mits dat DE: Comp:e en Egosie Ragie elk zullen trecken de helft van de winsten en inkomsten derzelve =munterije naar dat de onkosten alvooren daar afgetrocken zullen werden, en zals gosie Ragie in dezelve munterije moogen stellen een perzoon, om weegens zijn Hoogheid reeq: van inkomsten te houden. Crogie Ragie, ofte zijne gemagtigde te vol„ doen telkens onaar 't Eindigen van't Iaar Egosie Ende 5: 6. - 1.

NL-HaNA_1.04.02_3429_0326 view scan ↗

English

303 the heathen pagodas standing in the outer city shall be and remain in the enjoyment of their old privileges, preserving their Brahmins and revenues according to custom. And whereas the Honorable Company, by a contract made and contracted as above by the Honorable Lord Admiral in the year 1674 with the Nayak of Madura, lawfully acquired under its lordship the coastal places Trimelip and Carcal, and those same places have now for about nine months been taken into possession by Egosie Ragie, who also claimed the same by virtue of the conquest of the Tanjore lands, and that this alone is the difference and dispute why the estrangement between the Honorable Company and Egosie Ragie continues to this day to the great detriment of trade on both sides; it is hereby agreed and settled, in order no longer to hinder peace thereby, but to preserve the same on both sides in all friendship, and to set trade going again, that the claim of the Honorable Company to the two aforementioned places shall be reserved, and that point shall be referred to the Honorable Lord Governor of the island of Ceylon, in order subsequently, through friendship upon the arrival of His Honorable Lordship here at Nagapatnam, to settle the same difference mutually with Egosie Ragie; provided that Egosie Ragie shall meanwhile retain the possession of the two aforementioned places in the manner as he now possesses the same, without prejudice to the Company's rights and claim, and that after the entering into of this peace and the signing of this contract, the Honorable Company, along with all its merchants, shall be permitted in the aforementioned places just as free a trade and half-toll rights as mentioned above. Likewise, the Honorable Company may rebuild as soon as possible at Carcal the stone lodge with the warehouses, such as they at present still stand square within the walls, and there, as said above, place their Dutch servants under certain protection of Egosie Ragie with the enjoyment of the old privileges, and carry on trade unhindered; 8: These above articles being agreed to and signed by Egosie Ragie, the Honorable Company shall undertake, as it does hereby, to satisfy and pay to Egosie Ragie on the ultimate of January of the coming year 1677: 3150 pardaus and a tusked elephant, which shall serve 9: 304 to serve in satisfaction of half of one and a half years, or eighteen months, recognition money for the outer city and the ten old villages, calculated from the first of January of this current year to the ultimate of June of the coming year 1677. At which time the other half, to the amount of the sum of 3150 pardaus, shall be paid by the Honorable Company in money, without an elephant; and then subsequently on the ultimate of June 1678 the contracted recognition money to the amount of 4200 pardaus and a tusked elephant shall be paid yearly, and that being said, all years and from year to year. Thus contracted and agreed between the Honorable Senior Merchant Pieter Vorwer, Chief; Merchant Thomas van Rhee, Second; Captain Laurens Pijl, and the Senior Merchant Pieter Outshoorn van Sonnevelt, Member of Council and Secretary, together with the further Council of the city and lands of Nagapatnam, on behalf of the Honorable Lord Ryckloff van Goens the Younger, Extraordinary Councillor of the Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon, the Coast of Madura, and Inchiado, the city and lands aforesaid, of the one part; and the Ragie Wengenna, Governor of the Tanjore Lowlands, as authorized agent of the lord of this Tanjore province, Egosie Ragie, of the other part; this 11th of December, anno 1676. It was signed in the Vaduga language: Ragie Wengenna. Below was written: this is thus signed in the Vaduga language by the aforementioned Ragie Wengenna in the pagoda of the village Chichel, in the presence of the Company's special commissioners, the Honorable Thomas van Rhee, and the Member of Council and Secretary Pieter Outshoorn van Sonnevelt, being where the Moorish army lies buried. And here on the side, noted in the margin, stood signed: Pieter Vorwer, Thomas van Rhee, Laurens Pijl, and Pieter Outshoorn van Sonnevelt, Member of Council and Secretary. Agrees: was signed: H. Billing, sworn clerk. Extract from the daily register of the city of Nagapatnam, dated 29 and 30 June 1688: 29th June, Tuesday, late in the evening, the envoy Vira Ragua reported to the Commander through the messenger the contract of peace and friendship between the Honorable Company and Sahagie Ragia, prince of the Tanjore lands, by the Right Honorable Lord Commissioner Hendrik Adriaan van Rheede

Dutch transcription

303 de heijdense pagooden in de buijten stad staande zullen zijn en blijven bij haar oude previlegien behouden haar bramn:s en inkomsten volgens gebruijk, En de nadien dE: Comp:e bij Contract door de Ed: heer admiraal als boven anno 1674. met den naik van Madura gemaakt en gecontrac„ teerd daar bij wettig onder haare heer sch: ver„ kreegen heeft de zee plaatsen trimelip en Carcal en dezelve plaatsen nu omtrent de neegen urenden door Egosie Ragie zijn in possessie genomen die dezelve uijt kragte van Conquest der tansjo =werse Landen meede pretend:e en dat het zelve eenelijk het different en verschil zij waarom de verwijderingen tusschen d'E: Comp:e en Egosie Ragie tot duslange tot groote schade van de Negotie wederzijds continueert; werd mits dezen om de vreede daar door niet langer te verhinderen, maar deselve in alle vriendschap wedersijds te Conserveeren, en de koophandel we„ der aan de gangh te helpen, geaccordeert En over Een gekomen dat de pretensie van dE Comp:s op de twee voor zijde plaatsen gereser„ veert en 't zelve poinct gerenvoijeerd zal werden aan d' Ed: heer Gouverneur van 't Eyland Ceilon, om naderhand door middel van Deze bovenstaande artijckelen bij Egosie Ragie geaccordeert en geteekent zijnde zal D'E Comp:s aanneemen gel:k doet bij deezen op ult:o Januarij aanstaande Iaar 1677: aan Egosie Ragie te voldoen en betaalen 3150 pard:s en Een getande Eliphant 't welk zal strecken vriendschap met de komste van zijn Ed: h: a: alhier tot Nagapatnam 't zelve different on„ derling met Egosie Ragie af te maken, mits dat Egosie Ragie middelerwijl zal blyven behouden de possses van de twee voorsz plaatsen en maniere als dezelve nu onvermind, s Comps regters, en pretentie possedeert en dat d'EComp=s naar 't aangaan van deeze vrede en teekenen van dit contract in voorsijde plaatsen even zoo vrijen handel en halve thols geregtigheijd ne„ vens alle haare koopl: zal toegelaten werden als boven is verm: zo meede zal DE: Comp=s tot carcal de steenen logie met de pakhuijsen zoo„ danig die present nog in 't vierkant en de mau„ ren staan weder met den Eersten mogen opbou„ wen, en aldaar gelijk booven gezegt onder zeekere bescherminge van Egosie Ragil met het genieten van de oude previlegien hun neder„ lantse dienaars plaatsen en den handel on„ verhindert drijven; vriendschap en 8: 9: 304 Brtbel in dienen in voldoeninge van de helft van Een in Een halve Iaar ofte agthien maanden recognitie penningen voor de buijten stad en de thien oude dor„ pen, gereekent van p=mo Ianuarij deezes loopende Iaars tot ult:o Iunij des aanstaande Iaars 1677. op welke tijd de andere helfte ten bedrage van get somma van 3150 pand:s bij d E: Comp=e zal werden voldaan in gelt, zonder Eliphant en zal dan vervolgens op ult„o Iunij 1678 de gecontracteerde recoggnitie penn: ten bedraage van 4200 pard:s en een getande Eliphant Iaarlijx voldaan werden en dat gezegt alle Iaaren en van Iaar tot Iaar, Aldus gecontracteerd en geaccordeert tusschen den E: opperkoopman P:r vorwer opperhoofd koopman Thomas van Rhee Secunde onder Capitain I: Pijll en den opperkoopman Foutshorva van Sonnevett, Raad en secret=s mitsgaders den verderen Raad der stad en landen van Nagapatnam weegens de Ed: Heer RE: van goens de Ionge, Raad Extra ord: van Indiën Gouverneur en Direc„ teur des Eijlands Ceijlon, de kusten Madure Inchiado de stad En landen voorm ter eenre, en de Ragie Wengenna gouverneur der „tansjouwerse beneden landen, als gemagtigde van den landheer dezer Tans jouwerse 29:' Iunij Dingsdag s' avonds laat den gezant wira Ragua door den bootschapper aan den Commandant berigten het Contract van vreede en vriendschap tusschen dE: Comp:e en Sahagie Ragia vorst der Tansjouwerse landen bij d' Hoog Ed: heer Commissaris Hendrik Extract uijt het dag„ register der stad Nagapat„ nam, In dato 29. en 30. Iunij 1688 provintie Egosre Ragie, ter andere zyde dezen 11:' December Ao 1676, was geteekent in de baddegase tale Ragie wengena on derstond dit is aldus in de Baddegase taal geteekend bij den voorm: Ragie wengena in de pagood van 't dorp Chichel ter presentie van s Comp:s Expresse gecommitteerdens DE Thomas van Rhee, en den Raad Secretaris P=r outshoorn van Sonnevelt zijnde alwaar 't moors leger begraven lijt, en hier ter zijde gen=t in margine stond was geteekent P:r vorwer, Thomas van Rhee, P: Pijll en P:r outs„ hoorn van Sonnevelt Raad en Secretaris /:akkordeert, /:was getekent/ H: Billing E: g: klerk, provintie Adriaan Ell

NL-HaNA_1.04.02_3429_0328 view scan ↗

English

Adriaan van Rheede etc. in the Malabar language, delivered on stamped paper and properly written, and that Babaji, the land regent over the southern part of Tanjore, was ready to depart with this force from Tiruvalur in order to appear within this city tomorrow. 30 June, Wednesday morning, a messenger came to announce to the Commander that Babaji had arrived at Sikkal on the borders of the Company's villages, whereupon Jan Sweers, the adigar or bailiff of the outer city, was sent ahead to meet him, to encounter the said Babaji there and to greet him in our name. He was shortly thereafter followed by the entire council on horseback, who were to await him in the Company's village of Puthur and, after offering compliments of welcome, escort him to the city. Meanwhile, several messengers sent by Babaji came to tell the Commander that he was approaching this city, but that he would not appear within it unless the Commander came in person outside the walls of the outer city to meet him and escort him inside; otherwise being resolved to turn back or to retire to the China Pagoda, where he could be visited by whoever wished to speak with him. He also made this known to the council upon their meeting with Babaji, who immediately informed the Commander thereof through the secretary Jasper van Son. Whereupon the chief considered that the friendship of Babaji is of particular importance to the Honorable Company for conducting trade for Their Honors in the lands of Tanjore, for which they are privileged by the contract brought by him, and that politeness and courtesy achieve much with this nation, whereby their greatness and glory are most won over and their affection is gained. Consequently, he proceeded outside as quickly as possible in a palanquin, or carrying chair. There Babaji was standing in state in the field before the Orange bastion amidst his retinue. Stepping forward to meet him on the ground, the encounter from both sides was equally amicable, the one expressing to the other how much honor they enjoyed through this meeting, which was itself a beginning of the friendship that would be maintained between the people of His Highness Shahaji Raja and the Honorable Company. To this end, Babaji on the one side and we, servants of the Honorable Company, on the other side, being the principal instruments, would not fail from both sides to do that which would serve for the further confirmation and preservation of the peace and friendship. Hereupon Babaji agreed that the Commander should take him by the hand to his carrying chair. The Commander also seating himself in his own, Babaji expressly requested that he should proceed ahead with his carrying chair, whom he then followed, with the rest of his retinue, both on horseback and on foot, running mingled together, in which manner they marched into the city. In passing the Orange gate, seven cannon shots were fired from the bastions of the outer city, and thirteen upon entering Negapatnam. Then appearing in the residence of the chief, there within the large chamber, the chairs for the servants of the Honorable Company were placed on the left side of the table, and opposite them for Babaji, his brother, as well as Rangoji and his son, such that Babaji and the Commander sat down next to each other, Babaji on the right side. The Commander presented him with a tooke and a robe of honor, and honored the members of the council along with the secretary each with a tooke or headband. After the compliments regarding the honor of his coming into this city were delivered, and many expressions were made by him in return regarding the satisfaction he took in our reception and treatment, the Commander resumed speaking and, through the interpretation of Vellappa, had Babaji informed that the Right Honorable Lord Commissioner Hendrik Adriaan van Rheede etc. had been in this city for so long and had expected to have the good fortune to meet Babaji here, but time elapsing, and His Right Honorable High Mightiness also being urgently needed elsewhere for the affairs of the General Company, could no longer stay, having left us in His Right Honorable High Mightiness's place, with instructions that whatever His Highness Shahaji Raja might desire of us, we should fulfill to the best of our ability, and by all ways and means maintain friendship with his land-regents, to the end that much profit and advantage might arise therefrom for both nations. Whereupon Babaji, with a detailed account, showed everything that in the negotiations

Dutch transcription

305 Adriaan van Rheede &c:a mn de Malla„ baarse tale overgegeeven op het gezegelt papier behoorl: gesz: was ende wawvasde landregent over het suijder deel van Tansjouwer gereet stond dezen magt van Triwaloer te vertrekken om op morgen binnen deze stad te verscheijnen 30: Iunij Woensdag s'morgens komt een bode den Commandant aan dienen wawosie tot siekel op de limieten van Comps dorpen aangekomen was, waar op voor af den zelven te gemoet toegesonden wierd den adigaar of balliuw der buijten stad Ian Sweers om gem:e Wawosie aldaar te ontmoeten, ende uit onsen name te begroeten, worden, de kort daar naar gevolgt van den geheelen raad te paart, die welke hem zouden verwagten in comp:s dorp Poetoer, ende naar het afleggen der complement van verwelle koning naar de stad gelijden, onderwijlen komen verscheijde bodem door wawosie gezonden den Commandant aan zeggen hij tot dezen stad naderde, dog daar binnen niet en zoude verscheinen ten waare den Commandant in perzoon buiten de wallen der buijten stad hem tegemoet quam, en de naar binnen gelyde, andersints geresolveerd zijnde te rug tegaan, of zig naar de pagoodi China te retireeren, al waar hij zoude konnen bezorgt werden, van van die hem begeerde te spreeken, het zelve aan den raad op haare ontmoetinge bij wawosie meede te kennen gevende, die daar van den com„ mandant ten Eersten lieten verwittigen door den secretaris Iasper van Son op het welken by het opperhooft is overlyd D' E Comp: aan„ de vrientschap van waworsie bizonder ge„ „legen leijt, om den handel voor haar Ed: in de landen van Tansjouwer te drijven waar toe dezelve bij het contract door hem meede gebragt werden gepreviligeerd, de beleefdheyd en de Coirtosie bij deeze natie veel vermag, daer door haare grootheijt en glorie 't meeste overwon„ nen, ende haare geneegentheid verkreegen word, ingevolge zig op 't spoedigste in Een pa„ linquin, of draagsetel naar buijten begeeft, aldaar wawosie op het velt voor de punt orangie in 't midden van zijn gevolg in statie staande op de grondstaedinge, in 't gemoet tredende, was de bejegeninge van weeder ziden even minnelijk, den Een den anderen betuijgende hoe veele eere zig genooten door deeze rencontre, die zelve een beginwas van de vrundschap dewelke tusschen het volk van zijn 3o0g h:t Sahagie Ragie, en dE Comp:e zoude onder„ houden werden, daar toe wawasie, aan de eene, En wij dienaaren van D E: Comp:e aan die de 306 aan de andere zijde, de principaalste werk, tuijgen zijnde, van bij de kanten, met zouden manqueeren te doen, dat tot meerder bekragti„ ging en Conservatie van de vreede en vriendschap zoude dienen hier meede stond, wawvorsie toe, den Commandant hem bij de hand aan zijn draagsetel bragt, den commandant zig meede in de zijne nedersettende wierd door wawosie expres begeert der zelven met zyn draagsetel voor uijt zouden gaan, waar aan hij doen volgde, de rest van zijn gevolg zoo te paart, als te voet, door den anderen lopende in welkers voegende stad, in marcheerde wordende in 't passeeren van de poort orangie op de punten der buijtenstad seven, ende in 't binnen komen van Nagapatnam derthien Cannon schooten gedaan, als doen verscheinende in de wooninge van 't opperhoofd daar binnen de groote kamer, de stoelen voor de dienaaren van DE: Comp:e aan de linker zyde van de Tafel, en voor wawosie, desselvs broeder, zoo meede Rengosie en zijn zoon, daar teegen overgestelt waaren zulx wowosie en den Commandant naast den anderen haar nedersetten wawosic ten regten zijde, den welken den Commandant met Een tooke, en Eerkleed, en de leeden des raads, benevens den secret:s Ider met Een tooke of hooftband verEerde daar na de beleefthee„ den, over de Eere van zijne komste binnen dese„ stad, afgelegd, en door hem daar teegen veele betuij„ ginge gedaan zijnde, weegens het vergenoegen dat hy over onse onthalinge en bejegeninge opnam, is bij den Commandant het woord weeder opgevat, ende door de vertolkinge van wellapa wawosie domn aanzeggen, de Hoog Ed:e heer Commissaris Hendrik Adriaan van Rheede &c=a zo lange in deese stad geweest, en verwagt hadde het geluk te zullen hebben wairosie alhier te rencontreeren, dog den tijd verloopende, en zijn hoog Ed: gestr: om de affairen van de generaale Comp:e op andere plaatzen meede hoognodig zijnde, zig niet langer had konnen ophouden ons in zijn hoog Edele Gestrengen plaatse gela„ ten hebbende, met last 't geene zijn hoogheyt Sahagie Ragia van ons mogte begeeren wij dat zelve naar ons vermogen zouden hebben te voldoen ende door alle wegen, en mid„ delen de vriendschap met zijne landheeren onderhouden, ten Eijnde daar uijt zoude voort„ komen veel nut, en voordeel voor beijde de natien, waar op wawosie, met Een om„ standig-verhaal verthoonde alles dat in de des onderhandelinge

NL-HaNA_1.04.02_3429_0330 view scan ↗

English

negotiation on behalf of the Honorable Company and Sahagie Ragia had occurred, leading to a contract at Triwaloer ratified by His Highness and dispatched hither to the Right Honorable Lord Commissioner, wherein His Right Honor, taking no satisfaction, had sent it back, which greatly pained Sahagie, who had been displeased thereat with himself and his principal courtiers. He, Wawasie, long before, out of respect for His Right Honor's noble birth, dignified mind, high wisdom, and fair justice so renowned among all people, had conceived the inclination to do an agreeable service for His Right Honor and the noble Company, to which end, during the aforesaid negotiation, he had many times put himself in danger of losing the favor of his lord and master, there being many enemies who had attempted by arguments, examples, and forceful means to dissuade Sahagie Ragia from consenting to such a contract with the Honorable Company as was desired from him, whereby it was also caused that conflicting matters had been introduced into that same contract. Thereafter, new articles having been drawn up by His Honor and sent to Sahagie, much effort was exerted by him, Waworg, to move His Highness Sahagie Ragia to accept and ratify the same. Finally, the same were agreed to by him as he had now brought them along, having also been delayed by various inconveniences so that he had not been able to arrive with them during the time His Right Honor was present here, who possibly not having been able to imagine that the contract as drawn up by His Right Honor would be sent off, had not waited for it. That Wawasie indeed wished otherwise so as to have enjoyed the good fortune of meeting His Right Honor in person, to whom being fully known the services performed by him toward obtaining the contract from Sahagie, and other difficulties that he had had therewith, he would have recognized the same according to the promise that had been made to him of a tusked elephant and other regalia, which he did not specify, but nevertheless appraised quite highly, now demanding the same from us, along with the horses that were promised to Sahagie in the contract, for which His Highness longed very much, having a particular inclination to take his pleasure with horses. We countered Wawosie to this that it would have given His Right Honor much satisfaction if he had been able to receive from him the contract ratified by Sahagie in such manner as it had been delivered by His Right Honor; however, since for the reasons given on both sides herebefore this could not have been, we could nevertheless assure him that it would be agreeable to His Right Honor that the contract was delivered to us on behalf of the Honorable Company, and His Right Honor would not fail to acknowledge the services performed by him on that occasion, with fulfillment of that which His Right Honor had separately promised, as well as causing to be maintained and complied with everything that is expressed in the contract, to which the Honorable Company has bound itself, as soon as the aforesaid contract was merely reviewed, signed, and ratified by His Right Honor; to which end, as soon as it should be accepted by us, it would be sent to His Right Honor. Against that, it was again brought forward by Wawoste how the Dutch nation was renowned among all peoples as honest, upright, and found in all circumstances, once having given their word, to uphold it and fulfill their promises, upon which he had also relied and would still depend that he would indeed be rewarded for so many troubles and inconveniences; that this had to and should be done by us, as the authority on behalf of the Honorable Company was entrusted here and consequently qualified to fulfill the promise made in Their Honors' name and to reward the services of persons. Again bringing up the elephant, though not of the largest, it would nevertheless be agreeable to him if he could only take it along, and in addition thereto that which was further promised to him of value must not be lacking. Which we somewhat subtly passed over, and only pressed for the contract, to see that come to light, and assuring Wawrosie that he would find how upright the Honorable Company was in fulfilling what was promised by or on behalf of Their Honors, for which reason we were only waiting to have the contract and to send it to His Right Honor. Whereupon he had a bundle of papers brought forth, from which he handed to us three writings in Malabar, being the contract sealed with a small signet of Sahagie Ragia, first drawn up at Triwaloer, the conditions delivered thereafter by His Right Honor, and another with the great seal of Sahagie Ragie.

Dutch transcription

307 onderhandelinge weegens: D' E: Comp: e Sahagie Ragia was voorgevallen tot Een contract op Triwaloer bij zijn hoogheijt bekragtigt, en de aan de Hoog Edele Heer Commissaris naar her„ waarts gedepecheert, was waar inne zijn Hoog Edele geen contentement neemende het te rug hadd gezonden, het welk Sahagie grotelijx smertende daar over op zig zelven en zijne principaalste hovelingen was misnoegt geweest, hy wawasie Lange bevoorens ten respecte van zijn hoog Ed geenereuse geboorte deftigt gemoet, hoge wijsheijd en billijke Iustitie bij alle menschen zoo zeer beroemt zijn de genegentheijd hadde opgenoomen voor zyn hoog Ed gestr: en de nobele Comp:e een aangenaamen dienst te doen ten dien Eijnde zig gedurende de onderhandeling voorsz: hem veelmalen ingevaar gestelt hebbende de gunste van zijn heer en meester te zullen verliesen, veel vijanden zijnde, die Sahagie Ragia door raisonnementen Exempelen en kragtige mid„ delen getragt hadden af te lijden aan d E Comp te consenteeren zoodanigen Contract als van hem wierd begeert, waar door dan ook veroor„ zaakt was in dat zelve contract strijdige zaa„ ken waaren ingevloeyt daar naar door zijn Ed:s nieuwe articulen opgestelt, en Sahagie toegezonden zijnde, was bij hem waworg veel moeiten aangewent, omme zijn Hoogh=t Sahagie Ragia te beweegen deselve aan te nemen ende ten ratificeeren, Eindeling dezelve door hem waaren toegestaan zodanig hij die nu had, mede gebragt, daar meede door verschei„ de inkonvenienten was opgehouden met desel„ ve niet had konnen afkomen in den tyd zijn hoog Ed: hier present was, en die mogel: zig niet hebbende konnen de Imagineeren het Contract zodanig dat bij zijn hoog Ed:e is opgestelt zoude afgezonden worden, daar naar niet gewagt had dat bij wawasie wel anders wenste om 't ge„ luk te hebben mogen genieten zijn hoog Ed gestr: in perzoon te ontmoeten den welken ten vollen bekent zijnde, de diensten door hem tot verkrijginge van 't Contract bij Sahagie gedaan, en andere moeijlijkheeden die hij daar meede hadde gehad dezelve zoude hebben erkent volgens de toezegginge diem hem was gedaan van een getanden Eliphant, en andere Regalien, die hij niet specificeerde dog Egter hoog genoegh taxeerden dezelve als nu van ons afeijsende, beneevens de paarden die bij het Contract aan Sahagie belooft worden waar na zijn hoogh=t zeer verlangde, als bezonder geneegentheijd hebbende zijn vermaak met paarden tenemen, wij dien den wawosie veel hier e 308 hier op te gemoet het zijn hoog Ed veel vernoe„ ginge zoude hebben gegeven zo hij van hem had mogen ontfangen het Contract in diervoegen bij Sahagie geratificeerd, als het bij zijn hoog Ed: was overgegeeven, dog zulx om de reedenen van wederzyde hier voor gegeven niet hebbende mogen zijn wij hem Egter wel konde verzeekeren het zijn hoog Ed: aangenaam zoude weezen, het Contract aan ons weegens DE Comp:e overgeleverd was, ende zijn hoog Ed niet zoude nalaten ter kennen de diensten door hem in die geleegentheijd gedaan, met voldoening van 't geene zijn Hoog Ed: afsonderlijk had belooft zo mede te doen onderhouden en naar komen alles wat bij het Contract is uijtgedrukt, waar toe D E Comp:e haar verbonden heeft, zoo haast het voorsz Contract bij zijn hoog Ed: maar was overzien, geteekend, ende bekragtigt; ten welken einde zoo dra het bij ons zoude overgenoomen zijne, aan zijn hoog Ed: zoude gezonden worden, daar tegen door wawoste weder wierd voorge„ bragt, hoe de hollandse natie bij alle volkeren beroemd waaren, Eerlijk, vroom, ende in alle geleegentheeden bevonden, haar woord eens gegeven hebbende, dat gestand te doen en haar beloften nakomen, waar op hij mede zig vertrout had ende als nog verlaten zoude hij voor zo veel moeiten en ongemacken wel zouden beloond worden dat zulx door ons moeste en diende te geschieden, als zijnde hier weegens DE Comp:s het gezag aan bevoolen bij gevolge gequa„ lificeert, de belofte in haar Ed:s name gedaan te voldoen, ende de diensten van persoonen te beloonen, al weeder voortbrengende den Eliphant schoon niet van de grootste dezelve hem al egter aangenaam zoude zijn, als die maar konde medenemen, daar en booven niet moest manqueeren het geene hem verder van waardije was, toegezeijt, het welke wij Eenigsints onge„ merkt over het hooft sloegen, en de alleen pous„ seerden het Contract, om dat in 't Ligt te zien komen ende aan wawrosie verzekerende hij zoude bevinden hoe opregt D'E: Comp:e was in 't naarkomen van 't geene door, of weegens haar Edele wierd belooft, over zulks wij maar =wagte om het Contract te mogen hebben, en de aan zijn hoog Ed: gestr: te zenden, als doen te voorschein latende brengen, een bondel papieren, waar uit aan ons toerijkte drie Stver: geschriften in 't Mallabaars, zijnde het Contract gesegelt met Een kleen Cachet van Sahagie Ragie, op Triwaloer Eerst opgestelt de Conditien door zijn hoog Ed: daar naar overgegeven, en de een ander met het groot zegel van Sahagie worden d Ragie

NL-HaNA_1.04.02_3429_0332 view scan ↗

English

Rajah, under which the aforesaid articles were written, the first being immediately taken back by him without wishing to leave it with us, notwithstanding the insistence we made for it. Concerning the other two, having held some discourses, Wawosie agreed that they should be sent to the Right Honourable Lord Commissary to be signed and ratified by him, and then to deliver the one to Sahagie in exchange for that which the Company had received from him, of which the effect would then also come to His Highness, which Wawosie repeatedly stated with the recommendation that the horses and other rarities must be ordered at once and that he should now be thought of, wishing to give us the freedom for a while to go apart and consult with the council, so that he could depart again at the earliest, being urgently required for the service of Sahagie Rajah demanding him at the places in the south. Wherefore we excused ourselves and made known that we could not be ready immediately, that he had only just arrived here and would be somewhat fatigued; we therefore requested he would have the goodness to remain in the city until tomorrow and rest himself a little. Duplicate. It was proposed by the Commandant Floris Blom that the regent of the land, Wawosie Pandidaar, having with him some persons of quality, had appeared within this city and had delivered to us the articles of a Contract of peace and friendship between the Company and Sahagie Rajah, ruler of the Tanjore lands, delivered Resolution taken in the city of Nagapatnam on the 30th of June, anno 1688, in the afternoon at three o'clock, for which a place had been prepared for him and his retinue, and everything ordered to defray his expenses. To which he finally agreed after much resistance, but not longer than until four o'clock in the afternoon, while in the meantime he would go to inspect the dwelling of the merchant Rengosie Nayak, whose two sons he had in his company, whither he then proceeded at two o'clock, being accompanied by the members of the council; but after whose return they deliberated with the same over Wawosie's proposals, aiming to be presented with gifts from the Company. For that reason, such Resolutions were taken as follows hereafter: whereby the Right Honourable Lord Commissary Hendrik Adriaan van Rheede, etc., and likewise written in Malabar characters and ratified with the great seal of Sahagie Rajah, that thereby on the one side was fulfilled that which pertained to that Contract, of which Wawosie claimed to have the honour, having been brought about by him alone with great effort; Sahagie Rajah having annulled the Contract of Tiruvalur, and another drawn up by the Right Honourable Lord Commissary was given in its place, for which there was said to have been promised to him a tusked elephant and other regalia of value, which he had now demanded and vigorously desired from us; giving us a postponement of the time of two hours to take a decision thereon and to dispatch him again, having by his whole countenance sufficiently shown and made known that he would not be well satisfied if he had to depart from here with empty hands, and wherefore he might seek reasons and occasion to inconvenience the Company in its trade, cause many good affairs to fail, and obstruct every opportunity, as he has the power to do so; and on the other hand, being well content and pleased with the treatment and entertainment, he can procure much benefit, advantage, and all accommodations for the General Company, and for this city and its inhabitants. Regarding which these people are of such a nature that they do nothing nor is anything to be obtained from them except with gifts and presents, gold being an idol to them, to which they show honour and respect. Which having been deliberated upon, and having taken the advice of the interpreter Wallapa, it was decided to make a present on behalf of the Company to the aforesaid Wawosie; and since his brother and Rengosie Pandidaar also hold authority over the lands situated nearest to this city, and they have never had anything, to disburse something to both of them, in addition to the son of Rengosie, besides some trifles to lesser persons held in esteem by Wawosie, in the hope and expectation that the Right Honourable Lord Commissary Hendrik Adriaan van Rheede, etc., will approve the same and be satisfied therewith. The present goods shall consist of the following and be given to the persons specified therewith: To Wawosie: 1 gold chain weighing pagodas 60 1 ditto ring with a fine sapphire and small rubies set around it, value pagodas 12 1 silver cloth 2 velvets, 1 red and 1 green ditto 2 satins 2 satins 1 boudidaar 6 pieces of broadcloth 15 lb cloves 15 lb mace 15 lb nutmegs 40 lb sandalwood 4 lb cinnamon 1 gilded hanger blade To his brother Ramodra Pandidaar: 1 velvet 1 satin 1 Chianderewannij 1 Roederwannij 1 sjonderij 1 taffeta 1 gold chain weighing pagodas 20 3 lb cloves 3 lb mace 3 lb nutmegs 18½ lb sandalwood To Rengosie Pandidaar, the brother-in-law: 1 velvet blue 1 gold chain weighing pagodas 20 1 satin 1 Chianderewannij 1 Roederwannij 1 Sjonderij 1 taffeta 3 pieces of broadcloth 2 lb cloves 2 lb mace 2 lb nutmegs 12 lb sandalwood To the son of Rengosie, Kesoega Pandidaar: 1 satin 1 Chianderewannij 1 Sjonderij 1 taffeta 1½ lb cloves 1½ lb nutmegs 1½ lb mace 6 lb sandalwood 1 gold chain weighing pagodas 20 To Kamasie Aijen, secretary of Wawosie: 1 satin 1 Sanderwannij 1 Rooderwannij 2 lb To four servants of ditto: 1 Chianderwanny 1 Roederwannij 1 Sjonderije 1 taffeta Thus done and decreed in the city of Nagapatnam, date as above. Was signed Floris Blom, A: de Carpentier, Theunis

Dutch transcription

309 Ragie waar onder de voorsz: articulen Gesz: waren het Eerste door hem aanstonds weder te rug genoomen wordende, zonder dat aan ons te willen Laaten, niet Iegenstaande de instantie die wij daarom deeden, wegens de twee andere stont Eenige aiscourssen gevoert hebbende, Kaxxt wawosie, toe die zelve aan de hoog Ed:e heer Commissaris zoude gezonden worden, om die by de te teekenen, en bekragtigen, als dan het eene aan Sahagie over te geeven, in wisseling van 't Geene DE: Comp:e van hem ontfangen had waar van het Effect zyn hoogh:t dan meede zoude toekomen, het welke wawosie dik„ maal repeteerde met recommandatie de paarden en andere kurieusheeden, ten Eersten moesten bestelt ende hij als nu bedagt worden, aan ons voor Een wijle de vrijheid willen de geven apart te gaan, en met den anderen raad te pleegen, ten Eijnde hij ten eersten weder konde vertrecken hoognodig tot dienst van Schagie Ragie ver Eijsselende op de plaatsen om de zuijd waar over ons Excuseerde, en te kennen gaven, soo terstond niet gereet konde zyn hij maar Even hier aangekomen was, al Ee„ nigsints vermoeid zoude zijn, mitsdien ver„ zogten de goedheijd wilde hebben, tot morgen in de stad te verblijven, en de zig wat uit te rusten Dubbel Is bij den Commandant Floris Blom geproponeert binnen deze stad was verscheenen den land regend wawosie Pandidaar bij zig hebbende Eenige perzoonen van qualiteijt, en de den zelven aan ons overgeleverd hadde articulen van Een Contract van vreede en vriendschap tusschen DE komp:e en Sahagie Ragia ge bieder der Ian Sjouwerse Aanden, overgegeeven Resolutie Genoomen in de stad Nagapatnam Den 30:' Junij Ao 1688, naar de Middag ten drie uuren, waartoe een plaatse voor hem in zijn gevolg toe„ gemaakt, ende alles bestelt was, om hem te de„ froijeeren, het welke hij naar veel tegenstand Ein„ deling accordeerde dog niet langer als tot naar„ middag ten vier uuren, ondervylen de wooning van den koopman Rengosie Nrijk zoude gaan bezigtigen, wiens twee zoonen hij in zijn Comp:s had werwaarts zig dan ten twee uuren begaf, door de leeden des raads gelijd zynde maar welkers te rug komste met dezelve zijn de gede„ libereerd over wawosies voorwerpingen, daar op ziende om van DE: Comp:s beschonken te werden, is der weegens zodanigen Resolutien ge„ noomen als hier onder volgt; waar 2 310 by de hoog Edele heer Commissaris Hendrik Adriaan van Rheede &c en zoodanig in 't mallabaars gesz:e met het groot Zegel van Sahagie Ragia bekragtigt, daar meede van d' Eene zijde was voldaan, het geene tot dat Contract behoorde van het welke wawosie pretendeerde d'Eere te hebben, door hem alleen met veel moeiten te wege gebragt zijnde, Sahagie Ragie het Contract tot Truwaloer, gemortificeerd, en een ander bij de Hoog Ed: heer Commisssaris opgestelt weder in plaatse gegeeven was, daar voor aan hem zoude zijn beloofd een getanden Eliphant, en andere Regalie van waardije, die hij als nu van ons hadde g'Eijst en kragtelik begeerd; ons uitstel gevende den tyd van twee uuren om daar over besluijt te neemen, en hem weeder te depecihieeren, met zijn gantsche gelaat genoeg bethoond en te kennen gegeeven hebbende, hy niet wel overgenoegt zoude zijn ingevalle met leedige handen van hier moest vertrecken en waar over hij redenen en occasie zoude konnen zoeken DE: Comp in haaren handel te incomodeeren, veele goede zaaken doen te rugge loopen, en de in alle gele„ gentheeden de voet dwars zetten gel: hij daar toe het vermoogen heeft, en de anderzints over de bejegeninge, en onthalinge wel vernoegt en te vreeden zijnde, voor de generaale Comp e veelcmut, voordeel, en aan deze stad, en ingesetene Aan Wawofsie 1. Gouden keeten wiegt Pagoo den 60 d:o ring met Een fijne sacier, en kleijne 1 robijntjes om set waardig Pag:s 12: 1 zilver laken 2 fleueelen 1 rood en 1: groene d=o alle accomddatie bestellen kan, waer omtrent deze Luijden zodanig zijn, genatureerd, zy miets en doen ofte van haar iets te verkrijgen is, als met giften en gaven, het gout aen afgod: zynde waar aan zij eere en respect bewijzen waer over zijnde gedelibereerd, ende ingenoomen het advijs van den tolk Wallapa, is verstaan we„ gens DE: Comp:e Schenkagie aan voorsz: wawosee te doen, ende dewyle zyn broeder, en Rengosie pandidaar omeede gebied voeren over delan„ den naast aan deze stad geleegen, en dezelve nooit iets gehad hebben, aan haar bij den, be„ neevens de zoon van Rengosie ijts uitteschieten, behalven eenige klijnigheeden aan mindere perzoonen by wawosie in agtinge zynde in hoope en verwagtinge De hoog Ed:e heer Commissaris Hendrik Adriaan van Rheede &c: het zelve approbeeren, eede daar over genoegensneemen zal de Schenkagie goederen zullende bestaan om de volgende en gegeeven worden, aan den perzoonen daar by gespecificeerd „diteijt alle 2: allassen 311 2 attassen 1: boudidaar 6 C=s lakenen 15 lb: Nagulen 15 „ foelij 15 5„ Noten 40 „ Sandel 4: „ Canneel 1 vergulde houwerklingh Aan zijn broeder Ramodra pandidaar 1: fluweel 1 atlas 1 Chianderewannij 1 Roeder wannij 1 sjonderij 1 Fafta 1 goude ketting curg: pag: 20: 3 lb: nagulen 3 „ foeyly 3 „ nooten 18½ „ Sandel Aan Rengosie Pandidaar D' Swager 1 fluweel blaauw 1 goude ketting weg:s pag:o 20 1 atlas 1 Chianderewannij 1 Roeder wannig 1 Sjonderij 1 Tafta 3 C: @ Lakenen 1 altas 1 Chianderewannij 1 Sjonderij Tafta 1½ lb: nagulen „ nooten 1½ 1½ foelij „ Sandel 6 1 goude ketting weg: pag: 20 Aan Kamasie aijen sek:t van wawosie 1 atlas 1 Sanderwannij 1 Rooder wannij Aan vier Dienaaren van d=o 1 Chianderwanny 1 roe derwannij 1 Sjonderije 1 Tafta Aldus gedaan ende gearresteert in de stad Nagapatnam, dato ut supra was geteekend Floris Blom A: de Carpentier, 2 lb: nagulen 2 „ foelij 2 „ Nooten 12 „ Sandel Aan den zoon van Rengosie Kesoega Zandidaar 2: lb: Theunis

NL-HaNA_1.04.02_3429_0335 view scan ↗

English

312 Theunis Visbeeck, C:s van Der wiel, Arnoldus Soolmans, Ian Kweers, and C:s van Son, secretary. During the stay of wawasie Dandidaar in the outer city, the Commander had the brahmin Narsinga and the envoy wiereraqua convey to him whether the Elephant for the recognition money of last year and the money for this year would be accepted by him, and whether we might deduct 500 pagd: from the contract on account of what was stolen from the Honorable Company in the plundering of the lodge at Trimelevaas, which it was verbally promised would be compensated with 1000. pard., namely 500 upon the handing over of the recognition money, and subsequently one hundred annually until full payment. Regarding the first matter concerning the Elephant and recognition money, the aforementioned persons brought as an answer that wawosie consented to the acceptance thereof, but concerning the stolen monies at Trimelevaars it was answered by him that we should please not be so hasty with the matters that concern us; that this would be dealt with and the Honorable Company would be given satisfaction, if only the horses for Sahagie Ragia and the Elephant for him, warvosie, were promptly ordered. And since so many fan:s in specie were not in the Company's cash and supply to pay the recognition money to wawvorsie, the same were meanwhile taken up from private individuals, with which the Elephant was readily brought inside; and everything being prepared to take leave of wawosie, who had also already sent word to us that he would appear before us again to take his leave, the members of the council set out on horseback to the lodging of Rengosieneijck, from where, around the clock of half past five, having arrived back at the residence of the chief with wawosie and his retinue, being conducted from below the stairs by the Commander in the same manner as this afternoon, and his seat having been pointed out, entering into discourse again at that time, the first thing that wawosie brought forward was the repetition of his services rendered to the Honorable Company, and what difficulties he had had in the execution of the Contract for which the Elephant had been promised to him. We replied briefly to this that the Right Honorable Lord Commissary would esteem his person for that and respect would be shown to him by us, and that we also did not doubt that he would be pleased with our reception, thereby diverting him from that subject. However, he soon came upon another tack again, when we presented to him fan

Dutch transcription

312 Theunis Visbeeck, C:s van Der wiel, Arnoldus Soolmans, Ian Kweers en C:s van Son, secret=s geduurende het ver„ blyf van wawasie Dandidaar in de buij„ ten stad, heeft den Commandant door den bra„ mine Narsinga, en gesant wiereraqua aan den zelven; laten overneemen of den Eliphant voor de recognotie van 't verleeden Iaar, en de penn voor dit Iaar door hem zoude overgenoomen wor„ den, ende wij van't contract zoude vermoogen af te houden 500 pagd: wegens het geroofde van D' E. Comp: in't spoljeeren van de logie tot Trimelevaas get: bij monde belooft was, daer voor te zullen worden vergoed 1000. pard. te weeten 500 op de overgeving der recognitie penn: en vervolgens Iaarlijx een honderd tot de volle betalinge toe, op het Eerste nopende den Eliphant en recognitie penn: bragten gem persoonen voor bescheid wawosie in de over neming van 't zelve consenteerde dog ten be„ lange der geroofde gelde tot Trimelevaars door hem geantwoord was wij met de zaaken die ons raaken in zoo haastig niet geliefde te wezen daar over daar maar zoude gehandelt, en DE: Comp: Contentement gedaan worden als maar de paarden voor Sahagie Ragia, en den Eliphant voor hem warvosie spoedig bestelt wierden en dewijle zoo veel fan=s in spetie niet bij Comp:s Cassa en voorraad zijn om aan wawvorsie de recognitie penn: te voldoen zijn deselve onderwijle van particuliere opgeno„ men, waarmeede gereet den Eliphant binnen ge„ bragt, ende alles vervaardigt zijnde omme wa„ wosie afscheit te geven, die ons meede reets had laten aan dienen, hij weeder bij ons zoude verscheinen om zijn afscheit te nemen, begeven de leeden van den raad haar te paart naar 't logiment van Rengosieneijck van waar omtrent de klocke half ses uuren met wawosie en zijn gevolg weder in de wooning van 't opperhooft aangekomen in gelijken voegen als van de middag door den Commandant van beneden de trap gelijt, en zijn sitplaatse aangeweezen zijnde, als toen weder in discours tredende, was het eerste dat waw op sie voortbragt de herhaling van zijn diensten aan D' E: Comp:e bewezen, en wat moeijelijkheeden hij had gehad tot voltrecking van 't Contract daar hem den Eliphant voor was belooft, wij antwoorden hier op kortelijk D' hoog Ed: heer Commissaris zijn perzoon daar voor zoude estimeeren ende bij ons respect beweezen worden wij ook niet en twijffelden, of hij zoude over onze onthalinge vernoegt zijn daar meede hem van dien taxt afbragten dog wel haast quam hij weeder op een ander owant, als wij aen hem fan gepresenteert 312 Theunis Visbeeck, C:s van Der wiel Arnoldus Soolmans, Ian Twee en C:s van Son, secret=s geduurende hetr blyf van wawasie Dandidaar in de ten stad, heeft den Commandant door den mine Narsinga, en gesant wiererag aan den zelven; laten overneemen of den Eli„ voor de recognotie van 't verleeden Iaar, en de voor dit Iaar door hem zoude overgenoomen den, ende wij van't contract zoude vermoog af te houden 500 pagd: wegens het geroof van D' E: Comp: in't spoljeeren van de logie Truwelevaas get: bij tmonde belooft was, voor te zullen worden vergoed 1000. pard. weeten 500 op de overgeving der recognit penn: en vervolgens Iaarlijx een honderd de volle betalinge toe, op het Eerste nopen den Eliphant en recognitie penn: bragten persoonen voor bescheid wawosie in deo neming van 't zelve consenteerde dog ten lange der geroofde gelde tot Trimelevaa door hem geantwoord was wij met de zac die ons raaken in zoo haastig niet gelief. te wezen daar over daar maar zoud gehandelt, en DE: Comp: Contentement ged worden als maar de paarden voor Saha Ragia, en den Eliphant voor hem was spoedig bestelt wierden en dewijle zoo fan=s in spetie niet bij Comp:s Cassa en voorraad zijn om aan wawvorsie de recognitie penn: te voldoen zijn deselve onderwijle van particuliere opgeno„ men, waarmeede gereet den Eliphant binnen ge„ bragt, ende alles vervaardigt zijnde omme wa„ wosie afscheit te geven, die ons meede reets had laten aan dienen, hij weeder bij ons zoude verscheinen om zijn afschait te nemen, begeven de leeden van den raad haar te paart naar 't logiment van Rengosieneijck van waar omtrent de klocke half ses uuren met wawosie en zijn gevolg weder in de wooning van 't opperhooft aangekomen in gelijken voegen als van de middag door den Commandant van beneden de trap gelijt, en zijn sitplaatse aangeweezen zijnde, als toen weder in discours tredende, was het eerste dat waw op sie voortbragt de herhaling van zijn diensten aan D' E: Comp:e bewezen, en wat moeijelijkheeden hij had gehad tot voltrecking van 't Contract daar hem den Eliphant voor was belooft, wij antwoorden hier op Kortelijk D' hoog Ed: heer Commissaris zijn perzoon daar voor zoude estimeeren ende bij ons respect beweezen worden wij ook niet en twijffelden, of hij zoude over onze onthalinge vernoegt zijn daar meede hem van dien taxt afbragten dog wel haast quam hij weeder op een ander owant, als wij aen hem fan gepresenteert

NL-HaNA_1.04.02_3429_0337 view scan ↗

English

Presented were the recognition money for this year and the elephant for the past year, with the promise that the other elephant coming over from Jaffanapatnam would also be delivered as soon as possible. And he excused himself that he had not come for the elephant or the recognition money, which were to be fetched by Rengosienlijk. Thereupon it was proposed by the same that, the elephant present here being small of stature, it would show little respect for Sahagie Ragia to send the same to him at this time; that therefore other elephants of taller stature ought first to be ordered and brought here, in order therewith to satisfy the debt of anno passato and the promise of a tusked elephant for the residency that the Honorable Company was to take at Trimelevaas and Carcal, regarding which it would then not be looked upon so strictly whether the elephant were only 5 1/2 cubits high. Whereof he requested that we would advise the Right Honorable Lord Commissioner, to the end that those beasts might come over quickly, and that an elephant for himself might also be specially considered, for which the beast present here would be suitable, and which, being presented to him as a gift, would also satisfy Sahagie. We declared ourselves unable to grant this, but promised and undertook to advise His Right Honorable Rigor of everything. He showed himself satisfied therewith, further recommending to us that if anyone should be sent to plant the flag of the Honorable Company at Trimelevaas and Karkal, we would give him advance notice thereof, and he would then add his people to them, which was likewise promised. Then it was desired and strongly insisted upon by him that we should have the seal of the Honorable Company affixed beneath the articles of the contract handed over by the Right Honorable Lord Commissioner, and deliver it into his hands in order to show it to Sahagie Ragia, which we were finally obliged to do so as not to cause him any displeasure. He also requested that we grant him a passport for a ship as stated in the contract. Having been informed by us that this was beyond our power, besides the fact that they did not yet have a ship ready or given the name, size, cargo of the same, and to what place it was to depart, he remained somewhat satisfied therewith, but nevertheless recommended us to write about it to the Right Honorable Lord Commissioner, who might well grant such a passport and leave the name, size, etc., therein blank to be filled in afterwards. He was concerned about the passport to show it to ill-disposed people of the Honorable Company who would mock him if it were not sent shortly. We undertook to make this known in this manner to His Right Honor. Then it was asked by him whether the Honorable Company was sufficiently provided with elephants and whether they could not be brought hither, in which case he would guarantee to trade the same to a number of 25, alias and tusked ones. We replied that the Moorish merchants from Golconda had presently bought up most of the elephants at Jaffanapatnam, but that after their departure elephants would indeed be brought into stock again, so if he wished to send someone thither or in the meantime give orders to the brokers, he could have them picked out according to his choice; which he showed that he would rather do once the elephants were brought here. We promised him to give notice to Jaffanapatnam of his inclination for elephants, and as soon as the Honorable Company was provided therewith, to let him know the same. The Captain of the visitadors, Rammaneijke, having sent to ask us to greet Wawovsie, the same was proposed to him, who immediately consented thereto. Rammaneijke having appeared inside and paid his respects, he was amicably regarded by Wawovsie. The person of Rammaneijka having been recommended by us to him, he showed himself pleased therewith, declaring that it would also be agreeable to him whatever the Honorable Company showed to the same, and that he would also include that under the friendship which had been newly established and ratified. A request having also been made to us on behalf of a certain person to speak to Wawovsie concerning an inhabitant of this town, who had fled on account of his debts and was detained at Triwaloer, to the end that the same might be sent hither to satisfy his creditors, that was also made known to him and immediately consented to by him, with the request that the Commander himself would examine the matter, being assured that he would render good and equitable justice in it, which was promised to him. After that, the presents were distributed to them, presented with betel, sprinkled with rose water, and some further compliments having been exchanged back and forth, Wawosie and all the others with him stood up. And after a friendly farewell, making declaration that he was very well satisfied with us and in the following time would maintain with us on behalf of the Honorable Company such good friendship and understanding, and should any difference arise, and if such were caused by the wickedness of the ship, evil and ignorant people.

Dutch transcription

313 Gepresenteert de recognitie penn:e voor dit en den Eliphant voor 't gepasseerde Iaar met belofte den anderen Eliphant van Iaffanapatnam overkomende ten Eersten omede zoude overgeleverd worden, ende hij zig Excuseerde dat niet gekomen was om den Eliphant ofte de recognitie penn: die door Rengosienlijk zoude afgehaalt worden, zoo wierd door den zelven voorgestelt der presentien Eliphant kleen van Statura zijnde, het weijnig respect voor Sahagie Ragia zoude zijn den selven als nu aan hem te zenden, dat over zulx al„ voorens andere Eliphanten van hooger gestalte diende ontboden en hier gebragt te worden, om daar meede te voldoen, de schult van anno passato ende belofte van Een getande Eliphant voor de residentie die D' E: Comp:e op Trimelevaas en Carcal zoude neemen, daar naar zoo naauw niet zoude gezien worden, of den Eliphant Cobbidos maar 5: 2xber hoog was, waar van hij verzogt wij d' hoog Ed: heer Commissaris advijs wilde geven, ten Einde die beesten haastig mog ten overkomen, ende om den Eliphant voor hem nog apart gedagt worden waar toe het beest hier zijnde, bequam zoude zijn, en het welke hem verEerd wordende Sahagie mede zoude vernoegen tot zulx verklaarden wij onvermoogens te zijn verklaarden, dog beloofden en namen aan zijn hoog Ed: gestr: alles te adviseeren, daar meede zig vernoegt bethoonde ons wij der re„ Commanderende als imand zoude gezonden worden de vlagge van D'E: Compe op Trinelevaas en karkal te planten hem daar van waerschouwinge wilde doen, hij zijn volk als dan daar bij zoude voegen, daar van almeede toezegginghis gedaan als doen wierd van hem begeert en sterk ge„ insteert wij onder de articulen van 't Contract door de hoog Ed: heer Commissaris overgegeeven het zegel van D' E: Comp:e zoude doen drucken en heur ter hand stellen om Sahagie Ragia dat te verthoonen het wij Eindelijk genoodzaekt waaren te doen, om hem geen ongenoegen te geven hij verzogt mede wij aan hem zoude verleenen een paspoorte voor Een schip bij 't Contract aut„ gedrukt waar van door ons onderrigt zynde zulx buijten onze magt was, behalven dat zij nog geen schip in gereetheid hadden of opgegeven de naam groote Lading van 't zelve en naar wat plaatze het zoude vertrecken, hielt zig daer mede eenigsints te vreeden, dog recommandeerden ons Egter daar over aan d hoog Edele Heer Commissaris te schrijven die zoodanigen paspoort wel verleenen, en daarinne den naam groote &:a open Laten zoude, om daar naar gevult te werden, hij zig aan het zijn paspoort paspoort geleegen liet zijn om te verthoonen aan quaatwillige luijden van D' E: Comp:e die hem zoude bespotten, zoo het zelve in 't korte niet wierd gezonden =wijnnamen aan dit zodanig zijn hoog Edele bekent te maken, als doen wierd door hem gevraagt of D' E Comp:s van Eliphanten genoeg was voorsien, ende die niet zoude konnen herwaarts gebragt werden, in welken geval hij zoude instaan dezelve tot Een getal van 25 alias en getande te negotieeren, wij antwoorden de moorse Coopl: stiet golconda de meeste Eliphanten tot Iaffanapatnam Iegenwoordig hadden opgekogt dog dat naar haar vertrek wel weeder Eliphanten in voorraad zoude gebragt werden, zo hij dan iemand derwaarts wilde zenden of onderwijle last geven aan de makelaars hij die na zyn keure konde laten uitzoeken het welke hij liet blijken liever zoude doen als de Eliphanten hier aangebragt waren wij beloofden hem naar Iaffanapatnam te zullen advijs geven van zijn geneegentheijd tot Eliphanten en zoo dra dE: Comp:e daar van voorzien was, hem het zelve laaten weeten, den Cap:n der visiadoors Rammeneijke ons hebbende laten verzoeken waw ov sie te begroeten, is het zelve aan hem voorgedragen die daar inne ten Eersten Consenteer„ de was over Rammaneijks binnen verscheenen zijnde, en zijn reverentie gedaan hebbende wierd vvan waw or sier minnelijk aangezien, en de den perzoon van Rammaneijka door ons aan hem gerecommandeerd daar over zig vergenoegt toonde, verklarende het a ook aangenaam zoude zijn 't geene DE Comp. e aan den zelven betoonde ende hij dat mede zoude neemen onder de vriend„ schap dewelke nieuw opgeregt en bekragtigt was, ons weegens zeeker perzoon meede verzoek ge„ daan zynde, wawosie aan te spreeken over een inwoonder dezes stad, die om zijn schuldens ver„ loopen was, tot triwaloer wierd opgehouden, ten ende den zelven mag herwaarts gezonden worden, om zijne Crediteuren te voldoen en dat is dat aan hem mede bekent gemaakt en daar inne aanstonds door hem geconsenteerd, met ver„ zoek den Commandant dezaake zelvs wilde Examineeren verzeekert zynde daar over goed en billijk regt zoude doen, dat hem beloofde daar naar de schenkagie aan haar uitgedeelt met betel verEerd, Rosewater begooten, ende nog Eenige Complementen over en weeder gevoerd zynde stont wawosie en al de andere met hem over linde, en naar een vriendelijk afscheit be„ tuijging doende, hij zeer wel over ons was voldaen ende in den volgenden tijd met ons weegens DE Comp:e zoude onderhouden zo goeden vriendschap en intelligentie, en doit Eenig different zoude ^ ontstaan, en zoo zulks door ondrvnde d geder vande schip boose En den Onverstandinge

NL-HaNA_1.04.02_3429_0339 view scan ↗

English

314 Duplicate foolish people, which would immediately be remedied, wherewith they conversed with each other down to the foot of the stairs on the square in front of the house of the chief, and there bid farewell, the Council escorting them to outside the Orange gate, and when passing through both gates first 15 and thereafter 9 pieces of ordnance were discharged. Below stood: Agreed, Nagapatnam the 8th of July anno 1688, signed E: van Son, Secretary. Below stood: Agreed, was signed H: Billing, First sworn clerk. Anno 1688 the 17th of March, between His Highness Ragie Estrie Sahagie Magha Ragie Chiolo Ragiea Toeckae, or King of the Tanjore lands, on the one side, and the Right Honorable Dutch East India powerful and wealthy Company, ruling and having power as well by water as by land over the island of Ceylon, the coasts of Malabar, Madura, Coromandel, Carnaraghan, Hoedemandelan, Bengal, Surat, and Canara, with the Right Honorable Lord Hendrik Adriaan van Rheede, Commissary General, and his Right Honorable Council on the other side, the following conditions were mutually framed and concluded, reading as follows: Firstly The Honorable Company shall be permitted to establish lodges at Carcal, Trimelevaas, and Adrampatnam, to plant the flag on the same, and to keep their people there to trade. At Daraesjoerpette His Highness Sahagie Magha Ragia has granted the Honorable Company a place to build a warehouse, to fly the flag on the same, and to keep their people there to conduct trade. In the lands of Coromandel, as well in all places of petten as along the seashore of Coromandel, and furthermore in all lands and places belonging under the obedience of the Prince Sahagie Ragie, wherever the Honorable Company might come to trade and conduct merchandise, the same shall pay no more than half the toll. In case it should happen that the Honorable Company in all the lands subject to the obedience of the Prince Sahagie 315 Ragie, as well in the lands of Petten as along the seashore, should happen to lose anything, whether by robbers or by any of their debtors, His Highness above-mentioned and His Highness's subahdars and havaldars shall observe the same in fairness and have proper compensation made to the Honorable Company for the damage suffered. At Carcal, Trumelevaas, and Adrampatnam along the seashore, no French, Danes, English, Portuguese, and other Europeans shall be admitted to trade, nor shall His Highness grant places for that purpose. If the Company's servants who shall come to reside both in the factories and in the lands of petten behave improperly, His Highness, after prior proper inquiry and infallible proof, shall inform the chief at Nagapatnam thereof before proceeding to any action, and without the mentioned warning nothing shall be hastily undertaken or commenced. Those who shall be dispatched on behalf of His Highness into the cities, factories, and other places belonging to the Honorable Company, shall be respected according to their dignity and character, and received honorably, just as the same is also to be observed and maintained towards the Honorable Company's envoys, both by His Highness and by His Highness's subahdars and havaldars. The Honorable Company shall grant proper free passes and sea letters for one to two small ships of His Highness or on the request of the diwan, without paying the customary dues for the same. The tusked elephant that the Honorable Company is accustomed to give annually to His Highness shall be 5 Company cobidos and above, or 6 ditto and below, in height. Likewise, the Honorable Company shall annually give to His Highness two Arabian or Persian horses; the recognition money shall be paid and satisfied according to custom. Waworsie Landidaar shall be permitted annually to have brought into the city of Nagapatnam from the lands of his government, and to sell, paddy to the value of 5000 pardaus, without paying any tolls or duties for it. Should any adversities befall His Highness, the Honorable Company shall render him all possible help and assistance; likewise, in case of need, His Highness shall render the Honorable Company, in the lands under His Highness's jurisdiction, all possible assistance.

Dutch transcription

314 Dubb onverstandinge menschen, al veroorzaakt wierd het wwelke aanstonds zoude geremedieert worden waarmeede tot beneeden de trap op 't pleijn voor 't huijs van 't opperhoofd den anderen onderhielden ende aldaar adieu wenschten, doende den raad het uijtgeleijde tot buijten de poort orangie, ende in 't passeeren van de bijde poorten eerst 15: en daar na 9: stucken geschut lossen /:onderstond:/ accordeerd Nagapatnam den 8: Iulij anno 1688 /geteekent E: van Son Secretaris, /onderstond:/ Akkordeert /was geteekent/ H : Billing Eerste gesw: klerk Anno 1688: den 17: Maart is tusschen zijn Hoogheit Ragie Estrie Sa„ hagie Magha Ragie Chiolo Ragiea Toeckae of te koning der Ian Sjouwerse landen ten Eenre, en de hoog Ed:e Nederlandse oost Jn„ dische magtige en rijke Comp:s ge„ biedende en de magt hebbende zo wel te water als te lande over 't Eijland Ceijlon de Custen Mallebaar, Madura, Chiole„ „mandelan, Carnaraghan Hoedemandelan, Bengale Souratte, en Canara, met den hoog Eerstelijk Zal DE: Comp tot Carcal, trimelevaas, en adram„ pat:n logien mogen stabileeren, de vlagge op dezelve planten, en hun volk om te negotieeren aldaar houden. Tot daraesjoerpette heeft zijn hoogheid Sahagie Magha Ragia d'E: Comp:e een plaatsse vergunt om een maligheij te bouwen, op deselve de vlagge te laten waaijen, en hun volk om te handelen aldaar houden Jn de landen van Chiolemandelan zo wel in alle plaatse van petten, als langs de Zeekant van Chiole mandelan en voorts in alle landen en plaatsen gehoo„ rende onder de gehoorzaamheid van de vorst Sahagie Ragie, alwaar DE Comp:s mogten komen te handelen, En Coopman Az: drijven zal deselve niet meer als de halve thol betalen Ingevalle het gebeuren mogte dat D'E: Comps in alle de landen staande onder de gehoorsaamheijt van den vorst Sa„ Ed:e heere Hendrik Adriaan van Rheede, Commissaris generaal en zyn hoog Ed Raden ten andere zijde de onderstaande voorwaer„ den onderling beraamt, en geslooten luiden de als volgt. Ede hagie 315 hagie Ragie /:zo wel in de landen van Petten als Langs de zeekant: Ciets mogte komen te verliesen 't zij door rovers, ofte door Eenige van haar schuldenaren zal zijn hoogh:t boven gem: en zijn hoogh:t soebedaars, en habeldaars dezelve in redelijkheijt gadeslaan en D' E: Comp:e voor de geledene schade de behoorlijke vergoedinge laten doen, Tot Carcal trumelevaas en adrampatnam Langs de de zeekant zullen geen francen, deenen, Engelsen, Portugeesen, en andere Europianen tot den handel werden geadmitteerd, nog zijn hoog„ heijd tot dien Einde plaatse geven sal; sComp:s dienaaren dewelke zo wel in de Comptoiren als in de Landen van petten zullen koomen te resideeren zig onbehoorlijke gedragende, zal zijn hoogheijt na voorgaande behoorlijke informatie, en onfeijlbaare preuve, het op per„ hooft tot Nagapatnam daar van kennisse laten geven, eer men tot Eenige actie zal tre„ den zullende zonder gem: waarschouwinge niets schielijk aanvangen ofte onderneemen, De geene dewelke wegens zijn hoogheit, in de Steden Comptoiren, en andere plaatsen D E: Comp:s toebehoorende zullen werden afgezonden, zul„ len na haare waardigheit en Caracter geagt, en eerlijk gerecipeerd werden, gelijk het zelve meede De getande Eliphant die D'E Comps Iaarlijx aan zijn hoogheijt gewoon is te geven, zal 5: Comp:es Cobidos en daar boven ofte 6: d=os en daar onder hoog moeten zijn Van gelijken zal DE: Comp:s Iaarlyx aan zijn hoogheijt twee stux arabierse of perziaan, se paarden geven, de recognitie penn: zullen betaalt, en voldaan werden naar UEo. waworsie Landidaar zal uijt de Landen van zijn gouverno, Iaarlijx voor dewaardije van 5000 pard:s aan neli binnen de stad Nagapatnam omoogen doen brengen en verkoopen, zonder Eenige tollen, afgereg„ tigheeden daar voor te betalen. sijn hoogheijt Eenige ongemacken over komende zal d'E Comp:e hem alle mogelijke hulpe En bijstand overleenen, desgelijx zal zyn hoog„ heijt des noodts zijn de D' E: Comp: / in delanden onder zijn hooght gebied alle mogelijke ad„ aan des E Comp:s afgezondene zo wel bij zijn hooght als bij zijn hoogh:d Soebedaars en en habel„ daars, staat geobserveerd en onderhouden te werden. DE Comp: zal voor een â twee scheepjes van zijn hoogh ofte voor Reqt van de diwane de behoorlijke vrije passen en zee brieven verleenen, zonder de gewoonelijke ongelden voor dezelve te betalen aan „Sistentie

NL-HaNA_1.04.02_3429_0341 view scan ↗

English

must give assistance; Articles of treaty, commerce, and alliance concluded and entered into between His Highness Raija Estriesahagie Mageragie Chiole Ragie toekoe, prince of the Tanjore lands, on the one part, and the Honorable Illustrious Dutch East India Company on the other part. Articles. Should His Highness happen to enter into conflict or war with any native princes, the Company may not, without the consent of His aforementioned Highness, cause any goods and wares to be transported into the lands of His Highness's enemies. For the greater security and confirmation of this present contract, which must be steadfast and unbreakable for as long as the state of His Highness and that of the Company, as well as for as long as the sun and moon shall shine and endure, these conditions have been mutually accepted and ratified in writing with pleasure, in order to honestly fulfill everything according to the tenor thereof. Below stood: Collated. Agrees. Nagapatnam, the 1st of August 1688. Was signed: C. V. son, Secretary. Below stood: Agrees. Was signed: R. Billing, First Clerk. That the war and all estrangements that have occurred between Prince Sakagie Ragie and the Honorable Company shall cease from now on, and be transformed into a firm, unbreakable, and everlasting peace, friendship, and alliance, which shall take effect and be maintained mutually among the subjects upon entering into this contract, under such conditions, privileges, and prerogatives as previously bargained and agreed upon with the General Company in two contracts between Prince Egosie Ragie, His Highness Schagie's late father, on the 11th of December of the year 1676, and the highly esteemed His Highness Schagie on the 17th of March 1688, which shall continue in their full parts without the slightest exception and are hereby renewed to conduct the Company's commerce in these His Highness's lands of Tanjore according to their contents and tenor, just as if the same points were inserted herein; and in addition, for closer commitment and security, the following has been mutually agreed upon and concluded: That all the merchandise of the Honorable Company located at the marketplaces of Darrasoerpette, Ammanpette, Manargoil, Aarangapatnam, Trimelevaas, and Carcal before the outbreak of these disputes shall immediately be returned without any damage to the servants of the Honorable Company together with the godowns in which they were stored, or the goods taken therefrom shall be compensated and paid according to the prices set by the Company. Also, everything that was previously taken therefrom and enjoyed by any pandits or other chiefs under the pretext of settling it from future tolls shall immediately be paid and disbursed to the Honorable Company according to the fixed prices as they were at the time of delivery; and no one, whosoever it may be, shall henceforth ever claim any advance delivery of merchandise, whether in satisfaction of future tolls or at a lower price, but desiring anything thereof, they shall be bound to pay the Company's servant at the marketplace at once against the price for which it is sold to everyone; and which setting of price, to raise or lower the same according to the circumstances of the time and the course of trade, shall remain solely and depend upon the discretion and pleasure of the Honorable Company, without the regents being allowed to constrain the servants of the Honorable Company to make the slightest alteration therein. It shall be free and unhindered for all inhabitants of the prince, both under the jurisdiction of Wawosie and Regosie Pandidaar, to import and bring to the Company's city of Nagapatnam as well as the outer city of Chormandelan and 10 villages all kinds of merchandise and grains, with the sole exception of rice and paddy in regard to those belonging under the jurisdiction of Regosie, with which they may come down at their pleasure. On the Company's part, it shall not be demanded to have the paddy sold throughout the country for a lesser or greater price than the regents desire, and their inhabitants shall not be prevented from purchasing it there; and on the part of the diwan, no bazaar of paddy may be held at Papagoil any longer, but only some other small shops as it was in ancient times.

Dutch transcription

316 Sistentie moeten geven; Articulen van verdrag Baren heutbe Ingevolge zijn hoogheijt met eenige Inlandse vors„ ten in verschil, ofte oorlog mogt raken, zal DE Comp:s zonder Conesent van zijn meer gem: hoogheit geene goederen en waaren in de landen van zijn hoogh=ts vijanden moogen doen vervoeren Tot meerder verzekering en Confirmatie van dit tegen„ woordig gemaakt Contract 't welk zo Lange als den staat van zijn hoogheijt en die van DE Comp:s mitsgaders zo lange als de zon en Maice scheijnen, en duuren zullen, ook bestendigen on„ verbrekelijk moet zijn, zijnde deze voorwaarden wedersijds met genoegen gesz: aangenoomen en geratificeerd om alles na den Ikhoud van dien opregtelijk naar te komen /onderstond:/ gecollationeerd /accordeerd Nagapatnam den 1: Aug:s 1688: /:was geteekend:/ C: V: son Secretaris /onderstond/ Akcordeerd /was geteekend: R: Billing. Egklerk Dat den oorlog en alle verwijderingen tusschen den vorst Sakagie Ragie en d'E: Comp gevallen van nu af aan zal cesseeren, en verandert werden, in een vaste, onverbrekelijke en altijd duurende vrede vrient en bondgenoodschap die wedersijds met haar aangaan van dit Contract bij de onder da„ nen stantgrijpen en onderhouden werden zal onder zoodanige Conditien privelegien en voor„ rigten, als bevoorens bij twee contracten tusschen den vorst Egosie Ragie zijn hoogheijt Schagies hier vader den 11: xber: van het Jaar 1676 en hoog gem: zijn hoogheijt Schagie den 17: Maart 1688 met de Generaale Comp:e bedongen en veraccor„ deert zijn, dewelke in haar volle deelen zonder de minste uitsondering zullen blijven Continu„ eeren en bij deezen als vernieut om naar derzelver inhout en teneur s Comp:s Commersie en alliantie geslooten en aange„ gaan tusschen zijn Hoogheit Raija Estriesahagie Ma„ geragie Chiole Ragie toekoe vorst der Tansjouwerse Landen ter eenre en d' Ed: door Lugtige Nederlandse oost Indi„ sche Comp:s ter andere zijde Artikulen m 317 in deze zijn hoogh=t landen van Tansjouwer te werden gedreven, Even of deselve poincten hier bij waaren geincereert en boven dien tot de nau„ wer verbintenisse en verzekering weder zijds nog over een gekomen en beslooten het volgende Dat alle de Coopmansz: van D E: Comp:e op de markt plaatsen, Darrasoerpette ammanpette manargoil Aarangapatnam Trimelevaas en Carcal, voor deeze ontstane geschillen berustende geweest ten Eersten wederom aan de bedienders van DE Comp:e met de bangsaals daar deselve in hebben geleegen, zonder Eenige schade zullen werden overgegeeven of de goederen daar uijt genomen naar Comp.:s gestelde prijsen vergoet en betaalt, Ook zal alle 't geene te vooren door Eenige pandid:s of andere hoofden daar uijt genomen en genooten is onder voorgeven van 't zelve uit de toekomstige thollen te zullen voldoen met den Eersten na de vaste prijzen, zo als die den tyde van de verstrec„ king is geweest, werden betaalt, en aan DE Comp:s uijtgekeerd, en niemant het zij wie het zoude mogen wezen, eenige voor uit verstrecking van Coopmansz: voortaan ooit meer mogen pretendee„ „ren het zij in voldoening van de toekomstige tollen of wel voor minder prijs, maar zullen ijts daar van begezende gehouden wezen het zelve ten Eersten aan Comp:s bediende op de markt plaetsch Dit zal aan alle inw:s van den vorst zo onder het gebied van wawosie als regosie pandidaar vrij staan, en onverhindert gelaten werden naar 's Comp:s stad Nagapatnam: mitsgaders buijten stad Chormandelan en 10: dorpen te moo„ gen invoeren en aanbrengen alleer hande slagh van Coopmansz: en granen, uitgezondert eeneljk rijst en rieli ten reguarde van die onder 't gebied van Regosie gehoren waar meede den Een en den anderen naar haar believen mogen afkomen te voldoen, tegen de prijs, waar voor het aan een ieder werd verkogt, en welke bestelling van prijs om dezelve te verhoogen ofte verlaagen, naar tyts geleegentheyd en Cours van de negotie, alleenig zal blijven en de pen„ „deeren aan het goedvinden en believen van D'E: Comp:s sonder dat de regenten daar in de dienaaren van DE Comp:s zullen om oogen Constringeeren de minste ver„ andering te maaken, Van Comp:s weegens zal nietom oogen gepretendeert werden, de rieli in't land over al voor minder ofr meerder prijs te doen verkoopen, als de regenten begeeren en haar inw:s niet beletten die aldaar te gaan inkoopen, en zal van weegen den duan geen basaar van neli op papagoil meer mo„ gen gehouden werden, omaar wel Eenige andere „ kleeune winckeltjes gel=k het in oude tijden is geweest, te s En

NL-HaNA_1.04.02_3429_0343 view scan ↗

English

318 and sell their wares according to their own discretion. The cloth trade, as has always been done before, shall be conducted by the weavers freely and unhindered by the Honorable Company, and the panditars and lesser regents shall not interfere with it in the least, also regarding the cloth of the village of Trimelepatnam and other places where it is collected and bought up by private cloth merchants of the Company's city and 10 villages, no higher tolls than customary from of old shall be established, nor shall any hindrance be caused therein. The ox-drivers or ox-herds of the Honorable Company shall not be forced by anyone among the panditars or others to do anything else than their services for the Honorable Company and the transport of grains to the Company's city and villages. The firewood for the Company's brickworks may, according to ancient custom, be brought from the country by carts to the place where the Honorable Company shall need it, without the panditars or other regents being allowed to claim or extort any money from the woodcutters, as well as nothing from the brickmakers and limeburners, but they shall allow everything to pass and proceed unmolested. The Company's Dutch servants and others using the country roads with palanquins, on horseback, or however it may chance to happen, as well as the Company's peons coming with letters and any parcels, shall not be obliged to pay tolls elsewhere, and likewise shall not be mistreated or suffer the least hindrance on their journey. Henceforth, the Honorable Company shall no longer be troubled under threats to have to send the gifts to the prince according to the will of the regents, but it shall, as a free gift, depend on their will, according as their trade shall be conducted untroubled and prosperously. The contract for paddy made with Rengoenkees, panditar, shall be complied with as far as anything still remains of it. Below stood: collated, agrees, Nagapatnam the 31st of August 1691. Was signed: Albert van Weede, First Clerk. Below stood: Collated, agrees, Passanapatnam the 10th of December, anno 1691. Was signed: C. v. Son, Secretary. Below stood: agrees. Was signed: B. Billing, sworn clerk. unmolested Agrees. W. P. Lock, sworn clerk. Examined, A. van Staden, Junior. Coromandel papers. Various Cowles and other Privilege Writings, obtained successively by the Honorable Company in the Principality of Tanjore, conform to the List drawn up thereof, and bound in herewith. 8 [illegible] Jan Dubbel No. 14. 319 Cowle engraved on a silver plate from the Nayak of Tanjore, Estriamatoe Atchita Visiaraquanaijk, granted in the month of December 1758. Cowle from the same, dated 7 November 1661. Cowle from the same, dated 26 December 1661. Contract of alliance and peace between the Honorable Company and Camattanaijk, Governor of Tanjore, in the name of Sjoekanadanaijk of Madurai, dated 13 December 1674. Contract of treaty and alliance between the Company and Ekogie Ragie, general on behalf of the crown of Bijapur, dated 11 December 1676. Cowle granted by Chinda Landidaar, Great Adigar of Chialij, Trimelaas, etc., in the name of Ekogieragie. List of such Privilege writings as the Honorable Company has successively obtained in the Principality of Tanjore, now provisionally sent in a separate bundle for the honored perusal of their High Nobilities; namely: 320 dated 7 March 1677. Cowle from Ekogie Ragie, dated 10 September 1677. Cowle granted by the Great Governor of Chalij, etc., Nerregerij, in the name of Ekogie Ragie, dated 7 July 1678. Cowle as above, dated 14 June 1669, regarding the toll at Trimelewaas. Cowle granted by Regosie Pandidaar to the Company's merchants, the 22nd of March 1780. Cowle from Ekogie Ragie for the ratification of the preceding, dated 23 March 1680. Cowle from Ekogie Ragie, granted in March 1683. Contract between the Right Honorable Lord Commissioner van Mijdrecht and the Tanjore Prince, Raja Sri Sahagie Maharaja Chrolaragica Takie, the 17th of March 1688. Peace Contract between the Prince of Tanjore, Sahagie Ragie, and the Honorable Company, dated 11 August 1693. Cowle from the Prince of Tanjore, Sahagieragie, granted on the date 5 April 1709. Cowle from the same, on account of the sale of the half mint right belonging to him, dated as above. Cowle from the Prince Tretappa Singajee Ragie Sahib, the 27th of February 1740. Cowle as above, dated 16 May anno 1741. Takiet Parwana sent on behalf of that Prince in May 1741. Peace Contract between the Honorable Company and the just-mentioned Prince of Tanjore, dated 27 June 1743. Letter from his aforementioned Highness, dated 23 March, anno 1750. Cowle from the Prince Ekogie Maharaja, dated 28 October 1753. Cowle from the Prince Taelasjagie Ragie, the 24th of March 1730. Takiet Parwana from the same, dated 1 April thereafter. Takiet Parwana from the same under the name of Toekogie, written to the chief engineers in his lands, dated 22 January 1732. Cowle. Cowle. Cowle as just mentioned, on account of the purchase of 13 villages, also dated as stated. Cowle from the Prince Trelaaja Raja, Sahib, dated 24 January 1764. Takiet Parwana from the same, sent on that same occasion. Copy of a Cowle from the said Prince on account of the redemption of the recognition elephants. Ditto Cowle as just mentioned, on account of the purchase of the coastal places Kivalur and Topotorre. Ditto Cowle on account of the purchase of the province of Kivalur. Ditto Cowle on account of the purchase of the mahanam Tripondi. Nagapatnam, in the Castle, the 28th of October, anno 1773. Cowle as stated, whereby 2 villages are presented to the Honorable Company, dated as above.

Dutch transcription

318 en haare waaren volgens Eyge goedvinden verkoopen De nogotie van kleeden gelijk bevoorens altijd is gedaen zal bij de weevers vrij en onverhindert door dE Comp:e werden gedreven en de Pandisaars en mindere regenten haar daar meede in't min„ ste niet hebben te bemoeijen, ook omtrent de klee„ den van 't dorp Trimelepatnam en andere plaatsen daar deselve werden ingesamelt en opgekogt van particuliere kleede coopers van Comp:s stad en 10: dorpen, geen hooger tollen dan van ouds gebruijkelijke werden gestelt nog daar in Eenige verhindering toegebrogt, De boeijers of osse drijvers van DE: Comp:e zullen door niemand van de pandidaars of andere mo„ gen gedwongen werden iets anders te doen dan haare diensten voor D: E: Comp:e en het aanvoeren van granen naar 's Comp:s Stad en dorpen, S Het brandhout voor Comp:s steen backerije zal naar oudergewoonte met karren uit het land mogen gebragt werden ter plaatse daar t de E: Comp:e zal nodig hebben zonder dat de pandidaars of andere regenten eenig gelt van de houthackers zullen moogen pretendeeren, of afdringen z als meede niets van de: Steenbackers en kzulkbranders maar alles ongemollesteert laten passeeren, en voortgank nemen, — SComp:s nederlandsche dienaaren en andere met Pallenquijns tepaart, of zoo als het mogt komen voor tevallen de landwegen gebruijkende, als meede 's Comp:s pions met brieven en Eenige pack„ Ies, komende zullende niet gehouden werzen elders tot te betalen en van gelijken niet qualyk gehandelt of in haar rijse het minste belet toegebragt werden. voortaan zal DE: Comp:s onder drijgementen niet meer werden moeijelijk gevallen de schenkagien aan den vorst te moeten schicken naar de wille der regenten maar zal als een vrije gifte van haar wil moeten dependeeren zoodanig als hare negotie onbekommert en voorspoedig zal komen gedreeven te werden. Contract van nelij gemaakt met Rengoen kees, joepandidaar zal zo veel daar aan nog resteert werden naar gekomen /:onderstond:/ gecollationeerd accordeerd Nagapatnam den 31: aug:s 16911 was geteekent:/ Albert van weede Eerste klerk /onderstond/ Gecollationeerd / accordeerd Passana„ patnam den 10: xber: anno 1691. /:was getekent C: v: Son Secretaris /onderstond:/ apkordeert /was getekent/ B: Billing Eg: klerk. ongemolle steer te Accordeerd. W„ P„ Lock. Eg klerk. Nagezien A: van Staden J=r Chormandelse papieren Diverse Cauls, en andere Privilegie Geschriften, door de E: Comp=e succesive in 't Vor. „stendom Tansjoer geobtineerd conform de Notitie daar van geformeert, en hier bij inge= „bonden. 8 ien Vergmelde te hier vo Jan Dubbel No: 14 319 Caul in Een zilvere plaat gegraveerd van den Nayk van Tansjouwr Estriamatoe atchita visiaraquanaijk in de maand december 1758 verleend Caul van den selven Gedateerd 7: November 1661, Caul van den selven gedateerd 26: December 1661 Contract van aliansie en vreede tussen D' E: Compagnie en Camattanaijk Gouverneur van Tansjoer in den nnaame van Sjoekanadanaijk van Ma„ dure de dato 13: xber: 1674. Contract van verdrag en aliantie tusschen. DE Comp:s en Ekogie Ragie veldheer weegens de kroon van visiapour gedateerd 11: December 1676. Caul van Chinda Landidaar Groot adigaar van Chialij Trimelaas &t:a uijt naam van Ekogieragie verleend Notitie van soodanige Pre„ velegie geschriften, als D'E Comps successive in 't vorsten dom Tans„ Jour verkreegen heeft, thans in een apart bondeltje bij provisie ter g'Eerde spe„ culatie van haar hoog Edelens over„ gesonden werdende; te oweeten de 320 de dato 7: maart 1677; Caul van Erogie Ragie de dato 10: 7br: 1677. Caul van den Groot Gouverneur van Chalij &„a Nerregerij uijt naam van Ekogie Ragie in dato 7: Julij 1678; verleend, Caul als vooren de dato 14: Iunij 1669, aangaande de tol op Trimelewaas, Caul van Regosie Pandidaar aan s Comp.:s Cooplieden verleend den 22: maart 1780, Caul van Ekogie Ragie tot natificatie van de voorgaende gedateerd 23: maart 1680 Caul van Ekogie Ragie in emaart 1683 verleend, Contract tusschen den hoog Edelen heer Commissaris vvan Medregt en den Tansjoursen vorst Raasja Sri Sahagie magaraasja Chrola ragica Takie den 17: Maart 1688, Vreedens Contract tusschen den vorst van Tans„ Jour Sahagie Ragie en DE Comp:s de dato 11. Aug:s 1693„ Caul van den vorst van Tansjour Sahagieragie in dato 5: april 1709, verleend Caulo van den selven weegens de verkoop van de hem Competeerende halve munts geregtigheijd, gedateerd als vooren Caul van den vorst Tretappa Singajee Ragie Schib den 27: febr: 1740, Caul van als booven de dato 16: meij A:o 1741, Takiet Paawanna van weegens dien vorst in Meij 1741 afgesonden, Vreedens Contract tusschen d' EComp.:s en Eeven gen: Tansjourse vorst de dato 27: Junij 1743, Brief van welm: sijn Hoogheijd de dato 23: maart Anno 1750, Caulo van den vorst Exogie Maharaasja de dato 28: Jber: 1753, Caul van den vorst. Taelasjagie Ragie den 24. Maart 1730; Takiet Parivanna van den selven de dato 1: april daar aan Takiet Parwanna van den selven onder de naam van Toekogie aan de hoofd Jnkeniers in zijne Landen geschreeven geda„ teerd 22: Januarij 1732, Caul Caul Caul als Eeven weegens de koop van 13: dorpen meede gedateerd als gezegt. Caul van den vorst Trelaaja Raasja, Sahib, de dato 24: Januarij 1764, Takiet Larwanna van denselven, bij die selfde gelegentheijd afgesonden, Copia Caul van gem: vorsteweegens de afkoop der recognitie Eliphanten _o Caul als eeven weegens de koop van de zeeplaatsen Kvaoer en Topotorre _o Caul weegens de koop van de provintie kiwaloer _. o Caul weegens de koop van de Mahanam Tripondi ix xt. Nagapatnam In 't Casteel, den 28:' Jber: A„o 1773, Caul als Gezegd, waar bij 2: dorp, en aan D E: Comp:s geschenken werden gedateerd als vooren,

NL-HaNA_1.04.02_3429_0350 view scan ↗

English

321 Facsimile engraved on a silver plate, granted by the Nayak of Tanjore, Achyuta Vijaya Raghunatha Nayak, to the Admiral, the Honourable Rijckloff van Goens, in December 1658. Through the intercession of Malaya, I give Your Honour the port of Nagapatnam for your trade; therefore Your Honour must also trade therein. I also give Your Honour the Portuguese Castle of Nagapatnam and all the houses standing therein for Your Honour's free liberty; the village of the Portuguese Captain, along with the subordinate ten villages of the church and all the gardens which the Portuguese have possessed, these I also present to Your Honour, namely: Puthur, Muton, Parvalacheri, Antonipette, Kariripongere, Alingimangalam, Oman Chikola, Sangamangalam, Mrittimangalam, Nariangoli. These aforesaid ten villages I also give to Your Honour, their revenues to be paid to me by Your Honour annually as a gift. The Company shall be exempt at the city of Nagapatnam from anything that is loaded or unloaded, whether it be rice, provisions, textiles, merchandise, or whatever it might be. Upon the stranding of the Company's vessels on this coast: Those who do not have this privilege lose everything in a shipwreck; indeed, even merely touching the bottom forfeits everything, and the crew is put in chains; even what was previously unloaded is forfeited, even if it were 7/8 of the cargo. In the year 1742 a Portuguese ship was wrecked, of which the crew was set free. Sea port coast. 322 Kaul or grant by the Nayak of Tanjore, Achyuta Vijaya Raghunatha Nayak, to the Noble Lord Admiral Rijckloff van Goens, written and received on the 7th of November 1661 at Pulicat. coast, I also will not lay claim to. If any merchants, servants, or debtors of the Honourable Company should happen to hide themselves in my land, they shall be delivered over land into the Company's hands, together with their wealth itself. The Honourable Company and its merchants shall also have the power and liberty to trade freely and openly throughout all my land, without being in any way molested by my adigars. Likewise, no one shall cause any harassment to the moradores of the subordinate Nagapatnam villages, nor to the Company's merchants of that city and whatever falls under it, nor have anything to say over them, for I give Your Honour the authority over them. Company servants and peons shall also be allowed to travel always throughout my entire country without molestation and without paying tolls, etc. The exemption of half the toll I grant Your Honour fully by this document, and this shall take effect and have force everywhere in my land where Your Honour trades. And I shall furthermore issue such orders everywhere that no damage or hindrance shall happen to your merchants, but that they shall remain protected from all harassment; and if in the meantime any violence should be done to them or money extorted, I will severely punish the perpetrators thereof, and cause what was taken to be restored to Your Honour. Concerning now the ten villages, these I hand over to Your Honour as a gift for ever, yet on the condition that Your Honour shall render to me for them such a gift as I have of old enjoyed annually and as has been customary, etc., etc. Kaul. 323 Kaul granted by the Tanjore Prince to the Honourable Company on the 26th of December, Anno 1661. The fort by the seaside formerly inhabited by the Portuguese, named Nagapatnam, I have given to Your Honour, where Your Honour can carry on trade, as well as throughout my whole country; previously I have given a Kaul on silver, now I give this Kaul in addition. All merchandise and provisions being transported shall pay half toll, and likewise the merchandise being imported and textiles being brought down. The ten villages I have given to Your Honour, for which an annual gift is due. On gold and silver that is minted, the Honourable Company shall pay only half the duty, and furthermore the previous Kaul shall be complied with. To do no harm to the prince's subjects, nor to hide or protect any regents, etc., etc. NB: In Anno 1665, the church of Nossa Senhora de Saude and two small gardens situated nearby were ceded to the Honourable Company by the Adigar of the outer city of Nagapatnam; and in Anno 1670, still under... NB: My thoughts are that Senhora de Saude was omitted in this contract on account of its insignificance; it may also well be that it is tacitly included under Nagapatnam, since the 10 villages and gardens are also spoken of much more briefly in this one than in the previous contracts. According to a letter to Batavia of 10 October 1703, page 262, Nagapatnam or Coromandel was obtained from the Nayak of Tanjore and remained so. This was leased in Anno 1666 for 3 years at 2800 pardaus per year. Tirumalairayanpattinam. First, there is granted to the Honourable Company, and transferred in full ownership on behalf of the Nayak of Madurai by Chokkanatha Nayak, from now on and forever, half of the general revenues of the outer city of Nagapatnam, the said Govinda Nayak by this document making a cession on behalf of and in the name of the Nayak of Madurai of the one half, in order that the general revenues may be drawn in full and as above forever by the Honourable Company, and that it may retain the sovereign lordship thereover, provided that the Honourable Company shall annually pay therefor to the said Nayak of Madurai a recognition of 3000 pardaus according to the currency of the country, being 10 fanams per pardau and of 3½ mat, and a well-formed elephant with tusks, which shall be delivered annually by the Honourable Company to the said Nayak here or at Tuticorin. Item, the said Govinda Nayak grants on behalf of the aforesaid Nayak of Madurai to the Honourable Company from now on and forever half the general revenues and full lordship of the village of Bhimunipatnam with the five annexes belonging thereto, namely: Mattegudi, Kayalpatnam, Paradana Colle, Calicad, and Pollicam, and the sea-place Karikal. Contract of alliance and peace between the Company and Govinda Nayak, Governor of Tanjore, entered into in the name of Chokkanatha Nayak of Madurai on the 13th of September 1674.

Dutch transcription

321 Facil in een zilver plaat gegraveerd, overleend door den Deveijk van Tansjour Estriamatoe Citchita visia ragu„ andijk aan den admiraal dheer Rijkloff van goens, in de„ cember 1658 Door voorspraak van Maleije geve VE: de poort Nagapat„ nam tot haar Negotie derhalven moet uE: ook daar inne negotieeren, geeve VE: ook de Portugeese Casteel Nagapatnam en alle de daar in staande huijsen tot uE: vrijdoms liberteijt het dorp van den Portugeesen Capitaijn neevens de onder„ hoorige thien dorpen van de kerk en alle de Thyjnen, wel„ ke de portugeesen hebben beseeten die schenk ik meede aan VE: te weeten: Poetoer, Moetons, ParwalaCherij, anthonij pette, Carriripongere, alingiemangelam, oman Chicola, sange„ mangelan, mrittij mangelam Nariangolij, deese voorsz: Thien dorpen, geeve ik ook aan VE, der selver inkoomen met uE mij Iaarlijx tot schenkagie opbrengen, DE Comp: sal vrij weesen van de stad Nagapatnam van 't geene, dat 't geene, dat in- of dis-barqueerd, 't sij rijs„ main tementos, kleeden, Coopmansz of wat 't soude moogen weesen, x op het stranden van sComp:s vaartuijgen op deese X die dit voorregt niet hebben, verliesen bij schip breuk, Ja de grond, maer rakende alles en 't volk moet in de ketting, selvs is aan ook verbeurd 't bevoorens geloste, ab was 't 7/8 van de Laading A:o 1742 bleev en portugeesschip, waar van 't volk wrij gelaten werd Zechaven strand 322 Paul of cle door den Neijk van Pansjour atchieta, strand wil ik meede niet pretendeeren zoo Eenige Coopl: Dienaaren of schuldenaars van d' E: Komp:s sig ino mijn land Quamen te verschuijlen, soo sal deselve in s Comp:s handen, nevens haar Rijkdom selvs over Landen te Leeveren, DE: Comp.:s en haar coopl: sullen meede magt en Liberteijt hebben; door al mijn land vrij en orank te negotieeren, son„ der van mijne adigaars Eenigsints gemolesteerd te werden, Soo sal meede niemand de omoradoors van de onderhoo„ rige Nagapatnamse dorpen, als 'S: Comp:s Coopluijden der selver stad en wat daar onder meer sorteerd, Eenige over„ tast doen, of iets te seggen hebben, want ik geve VE: de vrijheyd daar over Comp. s dienaars en pions sullen meede sonder mo„ lest en Thol te betaalen, althoos door myn geheel land mo„ ra gen Reijsen &c=a vise Aragua Neijk aan d' Edele Heer Admiraal Rijklof van Goens, geschreeven en op den 7. ' November 1661, tot Palleacatta ontfangen, De vrijheijd van de halve thol sta ik VE: toe volkomelijk bij deesen, en dat sulx over al in mijn land daar VE: negoti„ eerd, stand Grijpen, en Effect sorteeren sal„ Ende sal ik wijders over al soodanige ordre stellen, dat uwe Cooplieden Geen schade nog hinder en geschiede, maar voor alle overlast bevrijd blijven, en soo inmiddels haar Eenig ge„ weld mogte aangedaan ofte geld afgeperst wesen, soo sal ik de sulke strengelijk daar over Castigeeren, in 't afgenomene weder aan VE: doen Restitueeren, Rakende nu de thien dorpen, die geeve ik aan VE: als een Gifte voor althoos over, dog onder conditie, dat vE mij daar voor soodanige schenkagie sult toevoegen, als ik van ouds Jaarlijks voor Genooten hebbe en gebruijkelijk ra is geweest Rc=a &c=a Saul 1 323 Caul door den Tansjoursen Vorst aan dE: d'E Comp.:s gestaan.— Comp:s verleend den 26: december Ao 1661. het fort aan de seekant voor desen bij de portugeesen be„ woond, Genaamd Nagapatnam hebbe VE: gegeeven, alwaar VE: negotie kan drijven, meede door mijn heele land, voor deesen hebbe een Caul op silver Gegeeven, omu geeve nog dit caul alle Coopmansz: en omaintementos vervoerd werden de sullen halve thol betaalen, en soo ook de Coopmansz:, die opgevoerd en kleeden, die afgebragt werden, De thien dorpen hebben aan VE: gegeeven, waar voor Een Jaarlijxe schenkagie verschuldigd zijt van Goud en silver, dat vermunt werd, sal D'E: Comp:s maar de halve geregtigheijd betalen, en verder het verlede Caul nage„ komen werden des vorst onderdanen geen quaad te doen, nog Geene regenten te verschuijlen of beschermen &c=a &c=a NB: door den Adigaar der buijten stad Nagap„m is A:o 1665, aan d' E: Comp:s afgestaan d' kerke Nossa senhora de saude, ende twee daar bij gelege kleene Coubangs en heeft Ao 1670, nog onder NB: dat senhore de saude in dit Contract om de geringheijd overgeslagen is sijn mijn gedagten, ook kan 't wel weesen, dat het stilswijgen onder ngap:t begreepen is, alsoo in deesen van de 10: dorpen en Thuijnen, ook veel korter gesprooken werd, als in de voorige Contrakten, volgens brief na Batavia van 10 8br: 1703 p: 262, was na gapat„ nam off Cormandel van den heuwel daar asjarij verkreegen en soo gebleeven. dit was A:o 1666 voor 3: Jaaren gepagt â 2800 pan d:s sJaars Trimelarijapatnam Eerstelijk werd d'E: Comp:s vergund, en in voollen Eijgen dom wee„ gens deucneyk van Madure, door Cattenaijk van nu voortaan ende voor altijd opgedragen de helft der generaale inkomsten van de buijten stad Nagapatnam, doen de gem: Cawette naijk mits desen uijt de naam en de van weegen den neijk van madure afstand van d'Eene helft, om bij de E: Comp:e in 't geheel ende als booven voor altijd de gene„ raale inkomsten getrocken te werden, en de souveraine heer schap pij daar over te behouden mits dat dE: comp. e Jaarlyx daar voor aan gemelte naijk van Madure sal voldoen een recognitie van 3000 pard:s volgens de Coers van het Land sijnde 10: fan:s de pardau en de van 3½ omat, en Een wel Geschappen Eliphant net tanden, die gemelte Weijk alhier, of op Tutukorijn door d' E: Comp:s Jaarlyx sal Geleverd werden, Item vergunt gemelde Cawetteneijk weeg:s voorsz: Neijko van madure d'EE: Comp:e van nu aan en voor altijd de halve generaale jnkomsten en volkomen heer schappije van 't dorp Bimilipatnam met de vijf annexe daar aan hoorende te weeten: Mattegoedij, Cail„ potte paradana Colle, Calicad en pollicam, ende de zeoplaats Cari„ cal, Contract van alliantie, en Vreede tusschen DE Comp:s en Cawattanaijk, Gouverneur van Tansjour in de na„ me van Sjockenade neijk van maduri aangegaan den 13: September 1674, -

NL-HaNA_1.04.02_3429_0353 view scan ↗

English

324 The Honorable Company Admiral shall promote as much as possible, 7: only, the Honorable Company shall remain obligated to satisfy to the aforesaid Nayak of Madurai for the other half annually a sum of 2200 pardaus in cash, namely 1000 pards for half of the revenues of the village Carical, and 1200 pard:s for ditto of Bimilipatnam 4: The ten old villages of the Company shall be and remain as was contracted by the Honorable Company with the old Nayak of Thanjavur, 6: yet the Honorable Company remains obligated to satisfy the annual tribute of 1200 pard:s or 500 pag to the Nayak of Madurai. The above-mentioned items together make up a sum of 6400 pard:s, which the Honorable Company accepts and agrees to satisfy to the Nayak of Madurai, in four terms a year, namely: every 3 months, a fourth part, yet the terms shall not be paid before and until the 3 months shall have expired each time. The heathen pagodas located in the outer town of Carcal and Bimilipatnam shall be and remain in their old privileges, retaining their Brahmins, and none of their revenues shall be withdrawn from them. The Honorable Company shall keep itself neutral toward the Nayak's enemies, as long as it continues to enjoy the effect of this contract. Trimeleraijapatnam 8 Tork. Egklek. 5: Note, on 18 September 1674, peace was concluded with the Teuver Seri Maddoe Chedepaddij, but is omitted here as it presently concerns Ceylon solely, being found in the bundle Anno 12 Original and Copy Cauls etc. under No 14: that the free lord Teuver be united and pacified with the Nayak of Madurai, for which His Honor undertakes to employ mediators, persons of good knowledge and experience, and a member from among his Honorable Councilors, in order to dispose the Theuver thereto, if possible. This contract shall be written mutually in the Dutch language and translated into the Badaga Malabar, and be signed by the Honorable Lord Admiral and Cawattanaijk, an original of each remaining with the Nayak of Madurai and the Honorable Company. Below stood: In the city of Nagapatnam, 13 September 1674, signed: Rijkloff van Goens, and in the native script: Cawette Naijk etc. etc. Agreed. 325 Contract of Treaty and Alliance between the Honorable Company and Egosie Ragie, general, entered into on behalf of the Crown of Bijapur on 11 December 1676, Article 1: That the war, enmity, and all estrangement that occurred between the Honorable Company and Egosie Ragie shall cease from now on, and be changed into a firm, unbreakable, and everlasting peace, alliance, and friendship, which with the entering into of this contract shall mutually take effect and be maintained among the subjects, and that under condition of the following articles, which Egosie Ragie grants, consents to, and agrees with the illustrious Dutch East India Company on behalf of the Bijapur Crown as follows, 2. First: that the Honorable Company shall have and unhindered enjoy a free trade through the entire land of Thanjavur, paying for all merchandise that the servants or merchants transport up and down half toll, just as the same was granted to the Honorable Company by the Bijapur general Malla Mochamadoe, and thereafter the late Nayak of Thanjavur Visiahaqua Anno 1661 by a caul engraved on a silver plate, which free trade and half-toll right Egosie Ragie hereby also grants and concedes to the Honorable Company with such freedom and privileges through the entire land as is contained in the same caul resting with the Honorable Company, which Egosie Ragie declares to renew and confirm in accordance with the contents by this article, in the manner as if His Highness had granted it to the Honorable Company himself. NB: the prince or conqueror Egosie as conqueror apparently did not want to cede that, and the Honorable Company did not concern itself with it because of the insignificance. 4. Egosie Ragie hereby renounces all actions and pretensions that the Crown of Bijapur, or His Highness Egosie Ragie by virtue of conquest or otherwise might have upon the outer city of Nagapatnam, and the Honorable Company's ten old villages mentioned, from which actions and pretensions Egosie Ragie hereby renounces, placing the aforementioned two places Poeijoer and Pagoda China under the dominion of the Dutch East India Company with equal right and authority over the same, as was contracted and agreed by the Honorable Lord Admiral and Director General of India Rijkloff van Goens by contract of 13 September 1674, together with the sea places Bimilipatnam and Carcal, with Cawette Naijk as plenipotentiary of the Nayak of Madurai, and thereupon taken into possession by the Honorable Company, for which the Honorable Company now promised to satisfy annually to Egosie Ragie, and that the Honorable Company's ten old villages shall be and remain on the side of the Honorable Company, as well as the garden Poeijoer situated on the south side of the city of Nagapatnam and the garden standing west of the pagoda China, included in the same caul of the Nayak of Thanjavur, which Egosie Ragie hands over with equal right in conformity with the aforesaid caul to the Honorable Company.

Dutch transcription

324 DE: Comp Admiraal sal soo veel mogelijk bevorderen, 7: alleen, blijven de DE Comp:s Gehouden voor de andere helft sjaarlijx aan meer gem: Neijk van Madure te voldoen, een somma van 2200 pardaums in Contant te weeten voor de helft der Inkomsten van't dorp Carical 1000 pards en voor d„o van Bimilipatnam De thien sComp:s oude dorpen sullen sijn en de blijven, soodanig als: et den oudeneneijk vvan Tansjour bij DE: is Gecontracteerd dog blyft dEComp:s Gehouden, de Iaarlyxe recognitie van 1200 pard:s of 500 pag aan den neijk van Madure te voldoen De booven staande parthijen maaken te samen uijt Een somma van 6400 pard:s die EE Comp:s aanneemd en de accordeerd aan de neijk van Madure te voldoen, en vier termijnen sjaars, te weeten: alle 3: maanden, een vierde part, dog sullen de termijnen niet betaald werden voor En al eer de 3/m=d telkens verscheenen sullen weesen De heijdense pagooden in de buijten stad Carcal en De Bimilipatnam, staande sullen sijn Ende blijven bij haar oude Privilegien, behoudende haare Braminees, die haar nog Eenige inkomsten derselve niet sullen werden onttrocken DE Comp. e sal haar omtrent des Wijks vijanden oneutraat houden, soo Lange sij onderhouden blijft g'audeeren 't Effect van dit Contract Trimeleraijapatnam 5: N=to den 18: 7br: 1674, is de vreede geslooten met den teuver seri„ maddoe Chedepaddij, dog werd hier g'Excuseerd als Ceijlon thans Eenelijk aangaande, sijnde te vinden in de bondel A„to 12: Origineele fo en Copia Cauls dec=e onder N„o 14: dat den vrij heer Teuver met den negk van madura veree„ De nigd en bevreedigd werd, waar toe sijn Ed aanneemt, mediateurs te Employeeren, persoonen van goede kennisse en Ervarendheid, en een Lid uijt het midden van sijn Edele raadspersoonen, om soo het mogelyk is, den theuver daar toe te disponeeren, om Dit Contract sal weder sijds in de duijtse taale Geschreeven en in het baddegaasen mallabaars overgeset, en bij D' Edele heer Admiraal en Cawattanaijk geteekend werden, sullende van ieder een origineel onder den Reijk van Madure, en d'E Comp:e blijven /:onderstond:/ In de stad Nagapatnam, den 13: Sep„ tember 1674, /:geteekend:/ Rijkloff van goens, en in 't Jnlands Cawette Naijk &tc=a &c=a, Accordeerd. 8 „ Tork. Egklek. 1200 pard:s 4: 6: 325 Contract van Verdrag en alliantsie tussen D' E: Comp: en E gosie ragie veldheer, weegens de kroon van visiapoer aangegaan den 11: December Art: V: Dat den oorlog vijandschap en alle verwijderinge tusschen dE Comp=e en Egosie ragie gevallen van nu aan sal Cesseeren, en veranderd werden in Een vaste onverbreekelijk, en Eenirig duurende vreede alliantsie en vriendtschap, die met 't aangaan van dit Contract weder„ sijds bij de onderdanen, stand Grijpen en onderhouden wer den sal, en dat onder Conditie van de navolgende articulen, die Egosie ragie de doorlugtige Nederlandsche Oost Indiasche Comp. s uijt de naam van de tristapoerse kroon toestant, inwilligd en accor„ deerd als volgd, 2. Eerstelijk: dat de E: Comp.:s sal hebben en onverhinderd genieten een vrijen Coophandel door het gehheele land van Tansjour, betaalende van alle Coopmansz die de dienaars op Coopl:. op en af-voeren; halve thol eenen soodanig als het selve DE Coopm: door den visiapoersen, veldheer mallamochamadoe, en daar na den overleeden Nerk van Tansjour visiahaqua Anno 1661. bij Een Caul op silvere plaat gegraveerd vergund is welken vryen handelen halve tholsgeregtigheijd Egosie ragie bij deesen meede aan d'E: Comp:s vergund en toestand met soodanige vrijheijd, en prevelegien omaar Een haar Corpl: door het geheele land, als in't NB: de vorst of veroveraar Egosie heeft als Conquester dat apparent niet willen afstaan en 'E: Comp:s om de geringheijd' er sig niet aan geleegen Laten. Egosie Ragie doet bij deesen afstand van alle actien, en pre„ tentien, die de kroon visiapour, ofte sijn hoogheijd Egosie ragie uijt kragt van Conquest als anders souden moogen hebben op de buyten stad Nagapatnam, ende des E Comp:s thien oude dorpen vermeld, van welke actien en pretentien Egosie Ra„ gie mits deesen renuncieerd, stellende de voormelde twee plaatsen Poeijoer en Pagood Chinaa, onder de heerschappije van de Nederlandsche oost indische Comp: met gelijke regt, en au„ thoriteijt over de selve soodanig door de Edele hier admi„ vaal, om t directeur Generaal van India Rijkloff: van Goens by Contract van den 13: September 1674, nevens de zeeplaatsen Bimilipatnam in carcal met cawette Naijk als Gemagtigde van den megk van madure gecontracteerd, geaccordeerd, en daar op bij dE: Comp:s in possessie genoomen syn, owaar voor d'E Comp:e nu aan Egosie ragie beloofte te voldoen, een dat des E: Comp:s thien oude dorpen sullen sijn en verblijven aan de sijde van d'E Comp:e gelijk ook de thuijn Poeijoer geleegen aan de suijd sijde van de stad Nagapatnam en de thuijn bewesten de pagood Sma staande, in het selve caul van den neijk van Tansjour begreepen, dewelke Egosie ragie met gelyk regt Conform het voorsz: Caul aan d'E Comp:s overgeefdd selve Caul onder d' E: Comp:s berustende begreepen staat, 't welk Egosie ragie verklaard Conform den inhoud met dit articul te renoveeren, en Confiermeeren in maniere of sijn Hoogheijd het selfs aan dE Comp: e verleend had Iaarlijks 1676, — 4

NL-HaNA_1.04.02_3429_0355 view scan ↗

English

326 to wit: Yearly recognition in cash money, and a tusked elephant for the ten old Company's villages etc. ... pard:s 1200: — „ „ outer town - - - - - - 3000: — at ten fanums the pard:s of 3½ mat each, which the Honorable Company shall be obliged to pay yearly together with a tusked elephant to Egosie ragie or his authorized representative, each time after the end of the year, amounting together to Pard:s 4200: — Egosie ragie consents and allows the Honorable Company to mint currency within Nagapatnam, namely fanums and pagodas, the fanums according to the manner and alloy as is customary in the lands of Tansjour of 3½ mat, and the pagodas at the alloy of Paliacatta at 8 5/8 mat each, likewise in the same manner as the Honorable Admiral negotiated and agreed with Cawatta-nayk above mentioned, provided that the Honorable Company and Egosie Ragie shall each draw half of the profits and revenues of the said mint, but that the expenses as before shall be deducted therefrom, and Egosie Ragie shall be permitted to place a person in the said mint to keep account of the revenues on behalf of his highness. Egosie Ragie undertakes hereby to protect the aforementioned contracted places, and in case he fails to do so and the Honorable Company finds itself compelled to do the same at their own expense, the said expenses shall be credited to the Honorable Company as a reduction and deduction from the recognition moneys. The heathen pagodas standing in the outer town shall be and remain in possession of their old privileges, retaining their Brahmins and revenues according to custom. And whereas the Honorable Company, by contract made by the Honorable Admiral as above in the year 1674 with the Nayak of Madure, lawfully obtained and contracted under its dominion the sea places Trumeraijapatnam and Carcal, and the said places have been taken into possession for about nine months by Egosie ragie, who also claims the same by virtue of conquest of the Tansjour lands, and that the same is the sole dispute and difference why the estrangement between the Honorable Company and Egosie Ragie has lasted until now to the great detriment of mutual trade, it is agreed and settled, in order to preserve and revive commerce, that the claim of the Honorable Company to the two aforesaid places shall be reserved and that point shall be referred to the Honorable Governor of the Island of Ceylon, to settle the said difference mutually with Egosie Ragie later by means of friendship upon the arrival of his Right Honorable at Nagapatnam; 327 provided that Egosie ragie shall in the meantime retain possession of the aforesaid places, in the manner as he now possesses them without prejudice to the Company's claimed right, and that after entering into this peace and signing this contract, the Honorable Company shall be permitted just as free trade and half-toll rights in the aforesaid places alongside all its merchants as is mentioned above; likewise the Honorable Company shall be permitted to rebuild at the earliest opportunity the stone lodge at Carcal with the warehouses as they currently still stand square within the walls, and there, as said above under the certain protection of Egosie Ragia and enjoying the old privileges, to station their Dutch servants and conduct trade unhindered. These above-standing articles having been agreed to and signed by Egosie Ragie, the Honorable Company shall undertake, as it does hereby, on the last day of January next year 1677, to satisfy and pay to Egosie Ragie 3150 pardaus and a tusked elephant, which shall serve and apply toward the satisfaction of half of one and a half years, or 18 months, of recognition moneys for the outer town and the ten old villages, calculated from the first of January of this current year to the last of June of the coming year 1677, at which time the other half, amounting to the equal sum of 3150 pardaus, shall be paid by the Honorable Company in cash without an elephant; and subsequently on the last of June 1678 the contracted recognition moneys to the amount of 4200 pard:s and a tusked elephant shall be paid yearly, and that, as said, every year and from year to year. Thus contracted and agreed between the Honorable Senior Merchant Pieter Vorwer, Senior Merchant Thomas van Rhee second in command, Captain Philippus Sijlende, the Junior Merchant Pieter Oudschoorn van Sonneveld council member and secretary, together with the further council of the city and lands of Nagapatnam on behalf of the Honorable Rijkloff van Goens the Younger, Extraordinary Councilor of India, Governor and Director of the Island of Ceylon, the Coast of Madure, Inchiadoe, the city and lands aforesaid on the one side, and the Ragia Wengenna, Governor of the Tansjour lowlands, as authorized representative of the ruler of this Tansjour Province Egosie ragie on the other side, this 11 December 1676, signed by the named persons on both sides. Agreed.

Dutch transcription

326 te weeten. gaa Iaarlyx recognitie in Contant: geld, in Een getanten Elijxhant voor de Thien oude Comp:s dorpen &b=a. . . . pard:s 1200: — „ „ buijten stad - - - - - - â thien fanums de pard:s van 3½ mat ieder, die de E Comp:e gehouden sal oweesen s'Jaarlijx beneevens Een getanden Eli„ phant aan Egosie ragie ofte syne gemagtigde te voldoen telkens naar 't Eijndigen van 't Iaar Bedraagende te saamen Pard:s 4200: — Egosie ragie Consenteerd en staat DE: Comp:s toe binnen Na„ gapatnam, munt te moogen slaan 20: fanums pagooden de fanums na de maniere en aloij als desen in de Landen van Tansjour in gewoonte sijn van 3½, mat en de pagorden op de alloij van Paliacatta â 8 5/8 omat ieder meede opgeelijke wijse als DEdele heer Aamiraal 't selve met Cawatta-nayk booven gem: bedongen en geaccordeerd heeft, mits dat DE Comp. e En Egosie Ragie elk sullen trecken de helft van de winsten en In„ komsten der selve onunterije, omaar dat de onkosten als vooren daer af getrocken sullen werden en sal Egosie Ragie in deselve mun„ terije mogen stellen een persoon om weegens zijn hoogheijd reecq: van de Inkomsten te houden, Cgosie Ragie neemt mitsdeesen aan de voorseijde gecontrac„ teerd plaatsen te beschermen, en ingevalle daar toe De heijdense pagooden in de buyten stad staande, sullen sijn ende blijven bij haar oude previligien, behoudende haer Bramines, en Inkomsten volgens gebruijk Ende enadien d'E Comp:e bij Contract door de Edele heer admirael als booven A„o 1674, met den naijk van madure gemaakt en daar bij wettig onder haar heerschappije overkreegen en gecontracteerd heeft de zee plaetsen Trumeraijapatnam en carcal en deselve plaatsen omtrent de neegen maan den door Egosie ragie sijn in possescie genoomen die de selve uijt kragt van Conquest der Tansjourse landen meede preten„ deerd, en dat het selve Eenelijk het different en verschil sij waarom te verwijderinge tusschen DE Comp:s en Egosie Ragie tot dus lange tot groote schade van de negotie wedersijts te Conserveeren en de koophandel weder aan de gang te helpen veraccordeerd en over een gekoomen dat de pretentie van d' EComp:s op de twee voorgesegde plaetsen gereserveerd en het selve poinct gerenvoijeerd sal wor„ den aan de Edele heer Gouverneur van het Eijland Ceilon om naderhand door middel van vrindschap met de komste van sijn Ed: Hoog in gebrooke blyfd en DE: Comp:s sig Genoodsaakt vind op hun kosten, 't selve te moeten doen, sullen deselve onkosten dE Comp:e valideeren tot verminderinge en afkortinge van de recognitie-penningen in Agtb:r 5: 3000 - 6: : 327 agtb: alhier tot Nagapatnam 't selve different onder„ ling met Egosie Ragie afte maaken, mits dat Egosie ragie, middelerwijze sal blijven behouden de Possescie van de voorsz: plaatsen, in omaniere als deselve nu onverhin„ dert 's Comp:s regt in pretentie possideerd, en dat D' E Comp:e naer het aangegaan van deese vreede en teekenen van dit Contrakt in voor segde plaatsen Eeven soo vrijen handel en halve thols geregtigheijd neevens alle haare Cooplieden sal toegelaaten werden, als booven is vermeld so meede sal d'E. Comp:e tot Carcal de steenen logie met de pakhuijsen soodang die present: nog in het vierkant in de omuuren staan, weder met den Eersten mogen opbouwen, en aldaar Gelijk booven gesegd onder seeckere bescherminge van Egosie Ragia, met het genieten van de oude privelegien hun Nederlandsche dienaars plaatsen en den handel onverhinderd drijven; Deese boovenstaande articulen bij Egosie Rasie geaccor„ deerd en geteekend sijnde, sal DE: Compagnie aanneemen Ge„ lijk doet bij deesen op ult:o Ianuarij aanstaande Iaar 1677. aan Egosie Ragie te voldoen en betalen 315. 0 pardauws en een getande Eliphant 't welk sal strecken en dienen in voldoeninge van de helft van Een en half Jaar ofte 18: Maanden recognitie-penningen voor de buijten stad ende thien oude dorpen gereekend van primo Ianuarij dee„ ses Loopen de Iaars tot ult:o Junij des aanstaande Iaars 1677 op welke tijd de andere helft ten bedragen van ge„ lijke somma van 3150 pardaurs bij D'E: Comp:s sal wer„ den voldaan in geld sonder Eliphant en sal dan vervolgens op Ult:o Junij 1678 de gecontracteerde recognitie-penningen ten bedraage ven 4200: pard:s en een gelanden: Eliphant Jaar„ lijx voldaan werden, en dat gelijk gesegd. allen Iaaren en van Iaar tot Iaar Aldus Gecontracteerd en Geaccordeerd tusschen den E: oppercoopman Pieter Vorwer opperh: Coopman Tho„ mas van Rhee secunde, Capitain Philippus sijlende den ondercoopman Pieter Oudschoorn van Sonneveld raad en secretaris, mitsg:s den verderen raad van stad en Landen van Nagapatnam weegens de Edele Heer Rijkloff van Goens de Ionge, raad Extra ordinair van India, Gouverneur en Directeur des Eijlands Ceilon, de Custe Madure, Inchiadoe, de stad en Landen voorm: ter een „re, en de ragia wengenna Gouverneur der tansjourse beneden landen als gemagtigde van den Land heer deesen Tansjourse Provintie Egosie ragie ter andere zeyde deesen 11: december 1676 /:geteekend:/ door genoemde persoo„ nen ter weeder zijde:— lijke Tock. Egklerk. accordeerd.

NL-HaNA_1.04.02_3429_0357 view scan ↗

English

328 Cowle granted by Chinaij Pandidaar, Great Adigar of Chialij Trimelewaas, representing Egosie ragie, on 7 March 1677. Thereby permitting the building of a lodge at Trimelewaas on the site where the Honorable Company's residence had previously been, with toll exemption for three years, likewise toll-free travel for the Company's servants, and lastly that the Company's debtors may be apprehended by Their Honors wherever they might hide. Cowle or letter written by Egodie ragie on 10 September 1677 to the Honorable Company's Vorwer, whereby notice is given of the receipt of the recognizance etc. and the aforementioned Cowle of Chinda pandidaar is confirmed. Cowle granted by the Great Governor of Chialij etc. Nerri Gerij on behalf of the Prince of Tansjour Egosic Ragie on 7 July 1678, regarding the land of the lodge at Trimelewaas measuring 240 Dutch feet square. In the year 1678 the Governor of dinum Cotte ordered that the ray skins of his subordinate Coubangs be delivered solely to the Dutch merchant at Trimelevaas. Cowle granted by Egosie ragie, Prince of Tansgour, in March 1683. The cowles granted to me by the realms of Tansjour and Madure shall be inviolably observed and held as inserted herein. The Honorable Company, its merchants, and inhabitants of the city of Cormandelan, as well as the ten old villages, shall henceforth pay on all goods, none excepted, that Cowle of Egosie Ragie for the ratification of the foregoing, granted on 23 March 1680. Cowle granted by Regosie Pandidaar to the Company's merchants on 22 March 1680, authorizing the building of a bankshall and the conducting of trade according to the Cowle of Narigirij at Trimelewaas, by paying Alendoor or great fanums. Cowle granted by the said Narrigerij on 14 June 1679 concerning the toll at Tinmelevaas. 329 by whomever it may be, coming, brought, or carried thither from the country, or carried up from the city into the country, no higher toll than was agreed and granted in both preceding Cowles and has been customary of old. And therefore I shall not tolerate that any Governors who rule and govern the magaars and villages around Nagapatnam in my name shall levy or impose any new tolls on the Honorable Company, its merchants, and inhabitants under whatever pretexts, beyond those that have been customary of old. All that the Honorable Company might require from my country, be it any wood for the building of ships or vessels, washer's sand, or the like, the Honorable Company may have fetched as has always been customary before this, without this being hindered etc. At Carscal, Trimelemaas, and Aarangapatnam along Contract concluded on 17 March 1688 between the Most Honorable Lord Commissioner van Meijdregt, on behalf of the Honorable Company, and the Prince of Tansjour, Ragie Estrie Schagie Magaragu Chiole Ragia Toekoe: The Honorable Company may establish a lodge at Carcab, Tannelewaas, and Adrangapatnam, at each of the aforementioned places; plant their flag on the same, and maintain their people there to trade. At Darasjourpette a place is assigned and granted to the Honorable Company to build a malighij warehouse, to plant the flag upon it, and to maintain their people there to trade. In all the lands of Chiole mandelan along the sea coast, as well as in all the pettes, and further in all the lands falling under the domain and obedience of Prince Sahagie Ragie, wherever the Honorable Company shall come to trade, His Highness has granted and permitted that the Honorable Company shall pay no more than half the toll for the sovereign rights of the land on its merchandise. If it should happen that the Honorable Company might suffer any loss in the lands of Prince Schagie Ragie, both in the lands of the pettes and along the sea coast, whether through robbers or through any debtors, His Highness's havaldar and subadars shall be obliged to make proper restitution to the Honorable Company for the losses sustained.

Dutch transcription

328 Caul door Chinaij Pandidaar Groot adigaar van chialij Trimelewaas dec=te Egosie ragie overleend den 7: Maart 1677. Daar bij permitteerende een Logie op Trimelewaas te bou„ wen op de plaats daar d E Comp:s residentie te vooren is geweest met thol-vrijheijd voor drie Iaaren jtem thol vrij reijsen van 's Comp:s dienaaren, en Laastelijk dat s Comp:s dibiteeren door haar Ed: sullen moogen aangelast werden, waar ook souden moogen schuijlen, Caul of brief door Egodie ragie den 10 September 1677 aan dE Comps vorwer geschreeven, waar bij kennisse geefd van den ontvang der recognitie &c=a en het voormelte Caul van Chinda pandidaar bevestigd, Caul door den groot Gouverneur van Chialij &c=ra Nerri Gerij verleend uijt naame van den vorst van Tansjour Egosic Ragie den 7: Iulij 1678. weegens de grond der logie op 't Trimelewaas groot 240 holl: voeten in 't vierkant A=to A:o 1678: heeft den gouverneur van dinum Cotte bevolen de rog ge„ vellen van sijn onderhoorige Coubangs alleen aan den holl: Coopman op Trimelevaas te leveren. Caul door Egosie ragie voorst van Tansgour verleend in Maart 1683. De cauls door de Reijken van tansjour en Madure in mij Gegeeven sullen onverbreekelijk agtervolgd werden en gehouden als hier g'inserveert D E Comp. e haar Coopluijden en Inwoonders van de stad Cor„ mandelan, mitsgaders, de thien oude dorpen sullen voortaan van alle waaren geen uijtgesondert, diedoor Caul van Egosie Ragie tot ratificatie van 't voorgaande, ver„ leend den 23. Maart 1680, Caul door regosie Pandidaar aan 's Comp:s Coopluijden ver„ leend den 22 Maart 1680. Licentieerende het bouwen van Een banksaal en den handel na 't Caul van Narigirij, op Trimelewaas te drijven, omits alen„ doorse of groote fanums te betalen, Caul door geropte Narrigerij verleend den 14: Iunij 1679 aangaande den thol op Tinmelevaas„ wie O 329 =wie het ook sij uijt het land derwaards komn, gebragt of ge„ voerd of uijt de stad in het land opgevoerd sullen werden, geen meerder thol betalen dan beijde voorgaende Cauls g'accordeerd toegestaan en van ouds gebruijkelijk sijn geweest, En derhalven sal ick niet gedogen, dat Eenige Gouverneurs, die de magaars ende dorpen om het Nagapatnam uijt mijn naam regeeren en Gouverneeren sullen Eenige nieuwe thollen ten Laste van d'E Comp:s haare Coopl: en Inwoonders onder wat pretexten het ook sij sullen heffen of op stellen buijten de geene die van ouds gebruijkelijk sijn geweest alle het geene d'E Comp: uijt mijn land soude moogen benoodigen, het sij eenig hout, tot het bouwen van scheepen of vaartuijgen wassers zand of diergelijke sal d' E Comp:e gelyk althoos voor deese gebruijkelijk is geweest, om oogen ra doen halen, sonder dat sulxhen sal werden belet &=a Tot Carscal, Trimelemaas, en aarangapatnam langs Contrakt tusschen den Hoog Edelen Heer Commissaris van Meijdregt, van weegen D E: Comp:e en den tansjoursen vorst Ragie Estrie Schagie Magaragu Chiole Ragia toe„ koe gepasseerd den 17: Maart 1688; D'E Comp:e sal tot Carcab Tannelewaas en adrangapatnam op ider der voorm: plaatsen een logie moogen stabileeren; op deselve hun vlagge: planten, en hun volk om te handelen al„ daar houden. Tot darasjourpette is DE: Comp:s een plaatse aan gewee„ sen en vergunt, om Een malighij te moogen bouwen, de vlagge daar op te blanten in haar volk om te handelen, aldaar hou„ den in alle de landen van Chiole mandelan aan de zeekant mitsgaders in alle de petten, en voorts in alle de Landen, sorteerende onder het gebied en de gehoorsaamheijd van den vorst Sahagie Ragie, alwaar dE Comp:e sal komen te handelen, heeft sijn Hoogheijd vergunt en toegestaan, dat d'E Comp:e voor haare Coopmansz: niet meer als de halve thol voor 'slands geregtigheijd betalen sal; Indien het Quam te gebeuren dat D'E: Comp:se in de landen van den vorst schagie Ragie, soo wel in de landen van petten als Langs de zoekant iets mogte komen te verliesen 't Sij door Roovers ofte door Eenige schuldenaars, sullen syn Hoogheijds habaldaar en soebedaars D E Comp:s voor de gelee„ dene behoorlijke vergoedinge moeten doen, Contract Pakhuijs de

NL-HaNA_1.04.02_3429_0359 view scan ↗

English

the seaside, no English, Danes, French, Portuguese, and other Europeans, none excepted, shall be permitted to trade there, nor shall His Highness grant or allow them any places for that purpose. If the Honorable Company's servants, both in the offices and in the lands of Petten, behave improperly, His Highness shall, after prior proper investigation and infallible proof, give notice thereof to the chief at Nagapatnam; and before taking any action, nothing shall be hastily commenced or undertaken. Those who may be dispatched on behalf of His Highness to the cities, offices, and other places belonging to the Honorable Company shall be respected and honorably received according to their dignity, just as the same is to be observed and maintained toward the Honorable Company's envoys both by His Highness and by his subadars and havaldars. The Honorable Company shall grant free passes or sea letters for one or two small vessels of His Highness for the account of the diwan without the usual charges. The tusked elephant that the Honorable Company must give annually to His Highness shall be 5 cobidos and above that, or under 6 cobidos high according to the Company's measure. The recognition fees shall be paid. For greater security, confirmation, and good faith to sincerely maintain this present treaty, which shall endure as long as the Honorable Company's state and that of His Highness exist, and as long as the sun and moon shall shine, these conditions have been written, accepted, and ratified with mutual satisfaction, to be executed according to the contents thereof by Sahagie Ragie, sealed with a hexagonal seal at the top, and brought over from Nagapatnam on 3 July by letter of 30 June to Saaraspatnam, and fulfilled according to custom; and every year two good Arabian or Persian horses shall be presented to the King. Wawosie Pandidaar shall be permitted to have ghee brought and sold within the city of Nagapatnam annually from the lands of his governorship to the value of five thousand pardaus, without paying any costs or duties for it. Should any difficulties befall His Highness Sahagie Ragie, the Honorable Company shall grant him all possible help. Likewise, if necessary, His Highness shall render all possible aid and assistance to the Honorable Company in the lands of His Highness's territory. And in case His Highness should become involved in conflict with any native and foreign princes, the Honorable Company shall be permitted to transport goods without the consent of His Highness's enemies. It was likewise signed below by His High Nobility, and in the margin stamped in red sealing wax with the seal of the Commission, and beneath it stated by order of the aforementioned His High Nobility, and was signed: R:r efraar de Croon, Secretary. Peace treaty between the Prince of Tanjore, Sahagie Ragie, and the Honorable Company, concluded on 11 August 1693. Sahagie Ragie, Lord of Cholamandalam, has agreed and contracted with the Dutch East India Company on the following conditions, namely: Firstly, Between the Prince Sahagie Ragie and the Honorable Company a firm and binding peace shall be maintained, and all hostilities shall cease on both sides hereafter, and the privileges and freedoms granted to the Honorable Company by the previous contract shall take effect and have consequence, just as the caul obtained by the Honorable Company from the Great King on 11 December 1676, and that obtained from His Highness Sahagie Ragie on 17 March 1688, shall remain in full force, both of which cauls must be punctually observed and the Company's trade in the district of Tanjore must be conducted in conformity with the tenor thereof. Furthermore, the following has also been mutually agreed: Secondly, That the Company's merchandise seized at the beginning of this war at Amenpette, Darasourpatnam, Manaar Goil, Adrangapatnam, Trimelewaas, and Carcal shall be returned to the Company's people undamaged in the same warehouses where they were previously located, and any goods found to be missing shall be reimbursed to the Honorable Company according to their cost value. Thirdly, That the wares enjoyed by the havaldars who governed the country, to be validated in deduction of the toll, shall be paid for at such price as they were valued at that time; and that in the future no one shall be permitted to take any goods in deduction of toll, but if anyone needs something, he shall immediately have to pay as much for it as another; it shall be permitted to the Honorable Company to sell its merchandise.

Dutch transcription

330 de zeekant, sullen Geen Engelsen, Deenen, Françen, Por„ tugiesen en andere Europeannen, Geene uijtgesondert, aldaar moogen negotiberen, nog sal zijn hoogheyjd haar tot dien Eynde Eenige plaatsen Geeven of toestaan, Des de E: Comp:s dienaaren, soo wel in de Comptoiren als in de landen van petten, sigh onbehoorlijk aanstellende sal sijn Hoogheijd na voorgaande, behoorlijke formatie en onfeilbaare preuve het opperhoofd tot Nagapatnam daar van kennisse laaten doen; en Eer men tot Eenige actie sal treeden, niets schielijk aanvangen of onderneemen„ De Geene, welke weegens sijn Hoogheijd in de Steeden Comptoiren, andere plaatsen dE Comp:e toebehoorende afgeson„ den mogten sijn sullen volgens hun waardigheyd g'agt en Eerlijk gerecipieerd werden, gelijk het selve ook aan des E: Comp:s afgesondene soo wel bij sijn Hoogheijd, als bij des„ selvs: soebedaars en Habaldaars staat geobserveerd en onder„ houden te werden, E DE: Comp:s sal voor een â twee scheepjes van sijn Hoogheijd voor Reecq: ovan de duan sonder de gewoon„ lijke ongelden vrije passen of zee brieven verleenen Den getanden Eliphant die D' E Comp: s sjaars lijx aan sijn Hoogheijd moet Geeven, sal 5. Cobidos en daar booven ofte onder de 6: Cobidos Comp:s na te hoog moeten sijn, de Recognitie-penningen sullen betaeld Tot meer der seekerheijd Confirmatie en trouwe om dit teegenwoordige verdrag opregtelijk te onderhouden, het welk soo Lang als DE Comp:s staat, en die van syn Hoogheijd moet duuren, mitsgaders soo lange als de son en maane sullen schijnen, sijn deese voorwaarden met weedersijds genoegen geschreeven, aangenoomen en geratificeerd, om volgens den Inhoud van dan te doen door Sahagie Ragie gesegeld met Een sestantig segul, booven in mitie en den 3: Julij van nagapatnam bij missive van den 30: Junij op Saaraspatnam overbragt en voldoen werden na uso, mitsgaders aan den koning alle jaaren verEerd werden twee arabise of Saeraban dese goede paarden. Wawosie Pandidaar sal uijt de Landen van sijn O Gouverno Iaarlyx voor de waardije van vijf Duijsend Pardauws aan neij binnen de stad Nagapatnam mo„ gen doen brengen in verkoopen, sonder Eenige kosten of gereg„ tigheeden daar voor te betaalen, zijn Hoogheijd schagie Ragie Eenige Ongemacken over„ komende, sal dE Comp: hem alle mogelijcke hulpe verbeenen Jnsgelijks sal sijn hoogheijd des noods sijnde DE: Comp:e in de Landen van sijn Hoogheijds gebied, alle mogelijke bijstand en adsistentie moeten toebrengen, En ingevalle sijn hoogheijd met Eenige Inlandse en vreemde vorsten in Corboij mogte geraaken, sal D' E: Comp:s buijten Consent van sijn hoogheijd vijanden mogen doen vervoeren, sijnde En O 1 1 331 2 sinde van gelijken onder aan bij sijn Hoog Edelheedens geteekend en in margine gedrukt in roo den lake het segel der Commissie en daar onder ter ordre van wel gedagte syn Hoog Edelheijd Gemeld, en was geteekend:/ R:r efraar de Croon Vreedens Contract, tusschen den vorst van Tansjour Sapagie ragie, en DE: Comp:s geslooten den 11: augustus 1693. Sahagie Kagie Heere van Chiolamandelang is met de Nederlandsche oost jndische Comp:s over een gekomen en veraccordeerd op de volgende conditien Nament„ lijk Tusschen den vorst Saghagie Ragie en d' E: Comp e sal werden onderhouden een vaste en bondige vree„ de en sullen alle hostiliteijten na deesen van wee„ der sijden moeten Casseeren, en de priveligien en vrij„ Ten Eersten Dock Egklik Ten Tweeden Dat s Comp:s Coopmansz: tot amenpette dara sourpatnam manaar Goil, adrangapatnam, trimelewaas, en Car„ cal in't begin van deesen oorlog en beslag genomen, aan sComp: volk, onbeschadigt in deselve bangsaats, daar die bevoorens sijn geweest, sullen werden gerestitueerd ende goederen die daar aankomende te ontbreecken aan d'E Comp:s volgens derselver kostende vergoed, Ten Derden Dat de wharen door de hawaldaars, die het Land hebben bestierd, genooten, om in afreeq: van den tholl te laaten valideeren, sullen owerden betaald teegens soodanigen prijs also ten dien tijde hebben genoten, en dat in toeko„ men de niemand sal vermoogen Eenige Goederen te neemen in af reecq: van thol, maar imand iets beno„ digende, sal voor het selve ten Eersten soo veel moeten betalen als Een ander het sal dECompe vrijstaen haare heeden D' E: Comp:s bij het voorige Contract toegestaan, stand Grijpen, en Effect sorteeren, gelyk meede in sin volle vigeur sal blijven de caul door DE: Comp:e van den Groo„ ten koning A:o 1676, den 11: December, en dat van sijn Hoogheijd Saghagie Ragie A:o 1688 den 17: Maart verkreegen, welke beijde cauls punctuelijck nagekoomen en Conform den selver teneur sComp:s negotie in het district van Tansjour g'Exerceerd moet werden, voorts is beijder sijts nog beslooten het onderstaande, accordeerd. heeden Coopmansz 6 Secr=t - 2

NL-HaNA_1.04.02_3429_0361 view scan ↗

English

Sixthly To cause the price of merchandise to rise or fall according to the circumstances of the time, in respect of which no land regents may impose laws upon the Company's servants. Fourthly However, the Honorable Company shall not constrain the duan to sell the paddy for a low price, and the merchants of this place may freely go inland to trade in paddy; furthermore, on Papencoil there shall be no paddy or rice bazaar, but indeed of other goods as before. Fifthly That all subjects of the prince Sahagie Ragie, whether they belong under the jurisdiction of Wawasie or Regoepandidaar, may freely transport all kinds of provisions and goods to Nagapatnam, the subordinate villages within the whole territory of Chiolemandelang, without being detained or hindered anywhere; the inhabitants on the opposite side of the River of Naoer may likewise bring foodstuffs, with the exception of paddy, and sell them at their pleasure. (This exception is a disadvantageous matter for the Honorable Company and was expressly stipulated by Wawosie, being subahdar of the southern lands, in order to better maintain his grain at price and make trade therein.) All the Company's servants, both white and other, traveling with palanquins or horses, and peons going along the way with letters or parcels, shall not be molested or addressed for the payment of toll. Ninthly Eighthly The hawaldars shall not cause any hindrance to the people who bring wood with carts to the Company's brickworks, nor to the lime and brick burners, nor extort anything from them. Seventhly That the bullock drivers of the Company's villages shall only be obliged to go to Nagapatnam and the Company's villages with their beasts, without the hawaldars and regents being permitted to force them to perform service elsewhere. The weavers may trade with the Honorable Company as in former times, and in that regard not be disturbed or in the least hindered by any hawaldars or land regents; likewise, the merchants who collect cloth in Trimelepatnam and elsewhere, and bring it to Nagapatnam or the Company's villages, shall not be bound to pay more toll than before. Tenthly Tenthly Cowle granted by the prince Sahagie Ragie anno 1709 the 5th of April. Finally, the land regents who shall govern the lands hereafter shall not be permitted at their pleasure to constrain the Honorable Company to bestow gifts upon the prince Sahagie Ragie, or make any threats on that account, leaving the same to the discretion of the Honorable Company, which will regulate itself in that regard according to the prosperity of its trade in His Highness's territory. First Clerk. Cowle granted by the prince Toelasjagie Ragie to the Dutch Governor at Nagapatnam, Mr. Dirk van Cloon. In confirmation of the cowles granted in former times by some ancestors now in glory, the present is granted to be preserved and to be relied upon, sallasijna maija alaph the 4th of the month Ramazan anno 1730 the 24th of March. This person had succeeded his deceased brother Sahagie; he was also named Tolkagie. This 10th article was stipulated because the war arose from this, since Wawosie had threatened that the envoys to the prince being at Triwaloer would fare badly if the gift were not increased according to his will, to which the government did not agree, but wrote everything to the prince, who, instead of giving satisfaction and orders, sent his warriors to Nagapatnam. Therewith following the contract to satisfy in horses and elephants, being thus yearly agreed the recognition: 1 tusked elephant of 5 and 1 tuskless of 5 1/2 cubits. Here stood the seal of the prince stamped in black ink.

Dutch transcription

332 Ten Sesden Coopmanschappen na tijds- geleegendheijd in prijs te doen dalen of verhoogen, waar omtrent geenige Land regenten sComp=s dienaren sullen moogen wetten stellen; Ten Vierden Dog sal dE Comp:e den duan niet moogen constringeeren de Nelij voor Een kleijne prijs te verkopen, en sullen de Coopl: deeser steede onverhinderd te Landwaard Nely mo„ gen gaan Negotieeren, wijders sal op Papencoil geen Ovelij of reijs-basaar, maar wel van andere goederen als bevoorens, Ten vijfden dat alle onderdaanen van den vorst Sahagie Ragie 't sij die Gehooren onder het gebied van Wawasie, of Regoepan„ didaar, vreijelijk allerhande Leeftogt en goederen Na Nagapatnam, de onderhoorige dorpen binnen het geheele Tertitorium van Chiolemandelang sullen moogen vervoe„ ren, sonder ergens gehouden of verhinderd te werden de jnwoonders aangints sijde de Revier van Naoer sullen eetwhaaren Ca, uijtgesonderd Nebij, insgelijks moogen brengen en na haar wel gevallen verkoopen, (a deese uijtsondering is Een madeelige saak voor d'E Comp:e en Expres door wawosie, synde soubedaar, der suijdse landen bedongen om te beeter sijn granen op geld te konnen houden, en daar in vertier te maken Alle s' Comp=s dienaaren, soo blanke als an„ dere met pallenquiens of paarden reijsende, ende pions met brieven of packjes overweg gaen„ de, sullen niet moogen gemolesteerd of tot betaling van Thol aangesprooken werden Ten Neegenden Ten Agtsten sullen de Hauweldaars de Luijden die hout met kar„ ren tot sComp:s steen brackerij aanbrengen, nog de kalk en steen-branders Eenig belet moogen aan doen, of deselve iets afperssen. Ten Seevenden Dat bij de boeijers van sComp:s dorpen Eenelijk sullen geobligeerd sijn, na Nagap=n en sComp:s dorpen, met haar beesten te gaan, sonder dat de hauwalders, en regenten haar sullen moogen dwingen, Elders dienst te doen, De weevers sullen als in voorigen tijden met DE: Comp:s moogen handelen, en daar omtrent door geen haw aldaars of Land regenten gestoort of in 't minste overhinderd werden; van gelijken sullen de Coopl: die tot Trimelep: en Elders lijwaa„ ten in samelen, en na Nagap=m of sComp:s dorpen brengen, niet Gehouden weesen, meer Thol als voor heen te betalen, Ten Tin 333 Ten Thienden Caul van den vorst Sahagie Ragie verleend A„o Eijndelijk sullen de land regenten die na deesen de landen sullen bestieren, na haar believen d' E Comp. s niet vermoogen te constringeeren, den verst Sahagie ragie te beschenken, of der weegen Eenige dreijgementen doen latende, het selve ter dis„ creete van d' E Comp:e die haar daar omtrent sal reguleeren na de florisance van haar negotie in sijn hoogheijds gebief„ EgKlerk. Caul door den vorst/ Toelasjagie Ragie aan den hollandsen Gouverneur tot Nagapatnam M:r Dirk van C„loon. verleend, Tot bevestiging der Cauls mevoorige tijden door Eenige nu Oi de Glorie side voorsaten afgegeeven, werd het Jegenwoor„ dige verleend, om bewaard te werden, en daar op gerust te weesen, sallasijna maija alaph den 4:' van de maand Ra„ moeij aan Ao 1730: den 24:' Maart Xdeese was sijn overleede broeder Sahagie gesuced:t werd ook genaamt Folkagie Dit 10: art: is bedongen, om dat den oorlog daar uijt onstond, de„ wijl wawosie gedreijgd had, dat de afgestanten aan den vorst te triwaloer sijnde, qualijk soude vaaren, so 't geschenk met vergroot wierd na sin wil, waar toe de regeering niet ver„ stonde, maar alles aan den vorst schreeff, die in plaats van voldoen ende ordro sijne kreijgers na Nagapatnam afsond. 1789 den 5: April daar bij aanstaande het Contract van paarden in Eliphan„ ten te voldoen, sijnde aldus Iaarlijx de recognitie t:' Eli„ phant getand van 5: en 1: ongetande van 5:' Ja: Cobidos, accordeerd. N„ „ Loik. hier stond het Segul van den vvorst in Swart Inckt gedruckt

NL-HaNA_1.04.02_3429_0363 view scan ↗

English

334 Takiet, Parwanna in the Marathi language written Ac=ra By order of the prince Toelasjagie Ragie this takiet parwanna is directed to the toll collectors in the lands of his highness the Tanjore prince by the subahdar Gowinda Doumodra, present at Triwaloer. Whereas it has always been the custom to collect only half toll on the cloths and linens brought from all parts of the prince's territory for the Dutch Company to Nagapatnam, you are hereby ordered strictly to observe the same in the exact same manner in the future; those of the north are expressly ordered to let the Company's European servants, their native corporals, and others with their palanquins or horses pass and repass on their journeys upon showing passports validated with the seal of the well-mentioned Company. The paddy and other edible wares brought to market from all sides to the city of Nagapatnam must not be detained in any manner. At Chickel no other boutiques must be erected anew above those already built. Upon showing passports this was newly stipulated, as otherwise an order to the toll collectors had first to be requested from the supreme ruler subahdar. Yet this was first put into effect in the year 1736, and does not go as smoothly as was to be wished. Takiet Parwanna written by order of the Tanjore prince Tobogie Ragie to the head toll collectors in his highness's lands. Whereas the Company of Nagapatnam, which is on the same terms as all others, has sent the copy of a sealed caul to the court, the prince has ordered that half toll be taken on the goods that are brought from one place to another according to the ancient custom, as you are hereby ordered to take the half toll; so by virtue of the mentioned order all this must proceed properly, without causing the Company the least molestation, the recalcitrant in the contrary case falling under the punishment of the prince. Salla Seijna Maija Alaph the 12th of the month Rammoeij anno 1730 the 1st of April. Below stood: copies must be taken of this and the original handed back to the Honorable Company. Further stood written in the own hand of the subahdar: Roessoe, which signifies: this is genuine. Also From 335 prince issued, I have granted this present caul to be preserved and to be at peace thereon. also to let the Europeans as well as other persons who belong under the mentioned Company, and whether traveling back and forth by palanquin, on horseback, in a sedan chair, or on foot, as well as the letters and packages with sample cloths carried back and forth according to current custom, pass and repass without hindrance. The lord Rauw madarauw has ordered to carry out what is stated above in that manner and according to ancient usage. Below stood: the 12th day of the month raatsjaloe of the year Chedel, being according to our reckoning the 22nd of January anno 1732. NB: here no baggage of the travelers is mentioned, and that seems to give the toll collectors pretext for claims. See page Caul granted by the prince Ekogie makaraasse to Elias Guillot, governor on behalf of the Dutch Company at Nagapatnam. To confirm the caul by the prince now in glory, and son and successor of Tockagie Ragie, this caul being granted to the sent commissioner. Whereas Your Honor has annually paid 4200 pardauws, 1 tusked elephant, and 2 alisses as recognition, and it has now been agreed to give above that yet 800 pardauws, and thus 5000 pardauws and 3 elephants yearly, beginning with this year, in order also to give Your Honor 6 Caul from the Tanjore Prince. The prince pretapa Singaja Rasje Sahib of great power granted this, this writing to Iacob Mossel, Governor General of the Coromandel Coast and the City of Nagapatnam on behalf of the best Company, the Dutch, being a completely settled matter in the year soegoer sen hidie arbein naija alaph being according to our reckoning anno 1741. the disposal at the court. Imanchan attends to the matters of Your Honor. Sjith Salla seijm omaija alaph the 10th of the month Tjamaa di Label anno 1735 the 28th of September. villages

Dutch transcription

334 Takiet, Parwanna in het Marrattise besz: Ac=ra Ter ordre van den vorst Toelasjagie Ragie werd deese Fa„ kiet parwanna Gerigt aan de thollenaars in de landen van sijn hoogheijd /: den tansjoursen vorst:/ door den soubedaar Gowinda Doumodra, present te Triwaloer Nademaal het altijd de gewoonte is geweest, van de doe„ ken en Lijwaaten uijt alle kanten van 's: vorstens gebied voor de hollandse Comp: naar Nagapatnam aangebragt wer„ dende, maar halve thol te neemen, zoo werden VE: Geordonneerd, het selve in het aanstaande op Eijgenste omaniere strict, te observeeren, die van het noorden werden Expresselyk ge last om sComp:s Europeese Dienaaren derselve Jnlandse Corpl en andere met haare palenquins off Paarden in hunne reijseX bij overtooning der paspoorten met het zegul van welm: Comps bekragtigt, te laaten passeeren, en repasseeren, De Nelij en andere eetbaare whaaren van alle kanten naer de stad Nagapatnam te markt gebragt werdende, moe„ ten in geendelijk wijse aangehouden werden Tot Chickel omoeten boven die reeds gebouwde bouticques geen andere op nieuw opgehaald werden. ^ bij vertooning der paspoorten dit is op nieuw bedongen, alsoo an„ ders van den opper-regent /:saubedaar :/ eerst ordre op de Tholle„ naars moest werden versoekt. dog is Eerst Ao 1736, in't werk gesteld en gaat so griff, miet als te wenschen was, Takiet Sarwanna ter ordre van den tansjoursen vorst Tobogie Ragie, aan de hoofd-gonkeniers in sijn hoogheyds Landen geschreeven, Nademaal de Comp:e van Nagap=m die voorwaarden is als alle andere, de copije van een gesegelde Caul aan 't hoff gesonden heeft: soo heeft den vorst geordonneerd, van de goederen, die van de eene plaats na de andere gebragt werden, agtervolgende de al oude Gewoonte, de halve thol te neemen, gelijk u bij deesen geordonneert werd, den halven thol te neemen, als„ uijt kragte van Gemelte ordre moet dit alles wel in sijn werk Gaan, sonder de Comp:s in het minste molest aan te doen, sullende de wederspanningen, in Cas Contrair, vervallen, in de straffe van den vorst Salla Seijna Maija Alaph den 12: van de maand Rammoeij aan /:anno 1730. den 1: april /:onderstond:/ hier van moeten Copijen genoomen en 't ori„ gineel aan d'E: Comp:s weeder ingehandigd werden: /: verder stond met de Eijgenhand van den soubedaar gesz: Roessoe 't welk beduyd. Dit is opregt meede uijt 335 Vorst afgegeeven, heb ik deesen Iegenwoordigen Caul- ver„ meede de Europeer, soo wel als andere menschen, die onder gem: Comp=s sorteeren, en 't sij per Palenquin op te paard, dan wel in draagstoel en ook te voet heen een weer reijsen, mitsgaders de over en weeder gebragt werden de brieven en packjes met monster kleeden volgens Contante ousantie sonder hindernisse te laten passeeren en repasseeren, de heer Rauw /:madarauw :/ heeft gelast, het gunt voorsz: staat in diervoegen en volgens het al oude gebruijk te doen gevolg neemen /:onderstond:/ den 12: dag van demaand raatsjaloe des Iaars Chedel:/ sijnde na onse tijd reecq: den 22: Ianuari anno 1732. NB: hier is geen bagagie der rijsende overmeld;, en dat schijnt de thollenaars voet te geeven, tot pretentie. zie pag: Caul door den vorst Ekogie makaraasse verleend aan Elias Guillot gouverneur van weegen de holland se Comp:s te Tot bevestiging van den Caul door den on in Glorie sijnde Nagapatnam & Soon en successeur van Tockagie Ragie, sijnde dit Caul verleend aen overgesondene Comm: Nademaal uwel Edele alle Jaaren 4200: pardauws 1: Getande Eliphant, en 2: aliassen aan Rerognitie heeft en nu over Een gekoomen sijn, daar en booven nog 800: pard:s en dus 5000 pard:s en 3: Eliphanten sjaars. beginnende met dit Jaar te geeven, om 'tsg:s uwel Edele 6. Caul van den /: Tansjoursen :/ Vorst den vorst pretapa Singaja Rasje Sahib van groot ver„ moogen deesen verleend, dit geschrift aan Iacob Mossel Gouverneur Generaal van de Custe Cormandel en de Stad Nagapatnam van weegen de beste Comp:s de hollandse sijnde een volkomen gedane saak in den Iaare soegoer sen hidie arbein naija alaph (:sijnde na onse tijd Reekening A:o 1741, t albeschik aan 't hof leend om bewaard te werden en daar op gerust te weesen jmanchan oneemt de saaken van VEd:s waar Sjith Salla seijm omaija alaph den 10: van den maand Tjamaa di La„ bel anno 1735: den 28:' September dorpen

← previousnext →