Inventory 3455
Coromandel · 872 pages · 198 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
The 1st of August Anno 1776 provided that the costs of the transfer are paid by him. The Pay-Bookkeeper Dirk Buijs, at his request, discharged from the Court of Justice. it having been granted, in order to avoid house rent for the Equipage Master here, to assign him a residence on behalf of the Company, as all his predecessors have had, with the special instruction that the house situated on the beach built by the Engineer Duntsveld could be purchased for that purpose, as being most conveniently located for it; it has thus been approved and understood to take over from him for the Company the aforesaid house, of which the Equipage Master Hartman is currently the owner here, for the appraised sum of two thousand old pagodas, provided that the costs of the transfer alone are borne by him; and to let the same serve henceforth as a residence for the Equipage Master. The request of the Pay-Bookkeeper Dirk Buijs was presented by the Governor to the assembly, entailing that he, on account of his advancing years, as well as twenty-two years of sitting as a Member in the Civil Town Court of Justice, might be discharged from this Body. Thus, in consideration of the equitable reasons put forward by the petitioner to obtain his discharge, it has been approved and understood to accede to his request, and consequently hereby, retaining his present rank, to discharge him as a Member from the Court of Justice, to be succeeded again as a Member in the aforesaid Court by the Bookkeeper Jacobus Wijnant Saalfelt. The 24th of July last having been the ordinary day upon which it is customary here to make the annual change among the Subordinate Bodies, it has been approved and understood, upon a nomination submitted by the Civil Town Council of a double number of persons who could be elected in place of the Members whose term of two years has expired, to discharge from this Body at their request: Junior Merchant Jan Daniel Simons, President, Bookkeeper Jacob Adriaan Dormieux, Vice President, Assayer Pieter Willem Geeke, and Bookkeeper Wouter Pieters, Members; and, on the other hand, to elect in their place: As President: The Junior Merchant Martinus Stoffenberg As Vice President: Trade Transferrer Petrus van Grol; And as Members: The Bookkeepers Johan Joachim Hasz, and Johan Fredrik Samuel Neitge, with continuation of the Native Members for another year; this Body for this year will thus consist of: The Junior Merchant Martinus Stoffenberg, President Trade Transferrer Petrus van Grol, Vice President The Bookkeepers Johan Joachim Hasz, and Johan Fredrik Samuel Neitje, European; as well as Anthonij Moetoe Siambanottij, Miera Lebe Marcair, and Challijappa Chittij, Native Members. Furthermore, with regard to the Orphan Chamber, it has been approved and understood to record hereby that no change has occurred concerning this Body. To second mates at 20 florins per month on a new contract of five years, it has been approved and understood to appoint the Quartermaster Jan Muller and Sailor Lourens Andersson, having been judged capable upon examination by the master of the ship the Princes van Orange, Carsten Eggers. Upon a petition from the Merchant and elected Chief of Palleacatta, Nicolaas Tadama, it has been approved and understood to grant passage to the Netherlands to his young son, named Reijnier Willem, with the return ship the Princes van Orange, with the grant of a sea chest for the storage of his clothes, provided that the board money and transfer due for this are first properly paid to the Company. Furthermore, on account of the ample expiration of their terms, it has been approved and understood to discharge to the Netherlands on the aforementioned vessel, retaining their current wages, the Harness-maker in the armory Pieter Braun, and Gunner Harmen Alberts, and the Soldiers: Bartholomeus Holm, Frans Meslag, Johan Pieter Saquilliaar, Johan Ernst Klaar, Johan Michiel Roos, Christiaan Zeijler, Pieter Weeber, Philip Sievers, and Jacobus Meijer, granting to the first a sea chest 42 long, as well as broad and high 12 feet. Furthermore, it is understood that the Sailor Martin Lading
Dutch transcription
23/ 352. 695. Den 1: Augustus A:o 1716 mits door hem de onkosten van 't Trans„ port betaald worden Den Soldij- Boekhouder Derk Guijs versoek uit den Raad van Justitie ontslaagen leend zijnde, om ter eviteering van huishuur aan den Equipagie meester alhier, Compagnies wegen een woon „huis toetevoegen, zoo als alle zijne voorsaaten gehadt hebben onder speciale aanschrijving, dat daar toe zou „de kunnen worden ingekogt het aan strant staan„ „de huis door den Jngenieur Duntsveld, gebouwt, als daartoe het best gelegen zijnde: zoo is goedge„ vonden en verstaan, het voorschreve huis waar„ van den Equipagie-meester Hartman tans alhier den eigenaar is, van hem voor de Com„ „pagnie over te neemen voor de gelaxeerde somme van twee duisend oude pagooden, mits door hem alleen de kosten van het Transport gedraagen worden; en het „selve voortaan te laaten dienen tot een woonhuis voor den Equipagie meester. Js door den Heer Gouverneur ter vergadering voorgedraagen het versoek van den soldij-boek hou „der Dirk Buijs, behelsende, dat hij uit hoofde van sijne toeneemende Jaaren, mitsgaders twee en twintig Jaarige sessie als Lid in den Raad van Den 1:' Augustus A„o 1776 behouden is syjne presento rang en won, door den boekouder dabelvelt gefauccdeerd van den Cwilen staads Raad van Justitie, uit dit Collegie mogt worden ontslagen Zoo is uit overweging van de billijke redenen door den suff„r ter obtineering van desselvs ontslag, ge avanceerd, goedgevonden en verstaan in zijn ver„ soek te Condescendeeren, en hem dien volgende bij deesen, behouden is zijne presente rang, als Lid „ uit den Raad van Justitie te ontstaan, om weder als Lid in voorsz: Raade gesuccedeerd te worden door den Boekhouder Jacobus Wijnant Saal„ „velt. Den 24.' Julij laastleden wederom ingevallen geweest zynde, den ordinairen dag, waarop men alhier gewoon is, de Jaarlijksche verandering onder de Subalterne Collegien te maaken, zoo is op een in gemaakt alleate onder de zeden, gekome Nominatie van den Civilen Stads-Raad van een dubbeld getal. persoonen, die in plaatse van de hunnen tijd van twee Jaaren, uitgediend hebbende Leden zouden kunnen worden gelegeerd goedgevonden en verstaan of hun versoek uit dit Collegie te ontslaan onderkoopman 696 35/. Den 1 Augustus A:o 176. Onderkoopman Jan Daniel Simons, President, Boekhouder Jacob Adriaan Dormieux, vece prases, Essaijeur Pieter Willem Geeke, en Boekhouder Wouter Pieters, Leden; en daaren tegen wederom in hunne plaatse te eligeeren Tot President Den onderkoopman Martinus Stoffenberg Tot vice prases, Negotie overdraager Petrus van Grol; En tot Leden De Boekhouder Johan Joachim Hasz:, en Johan Fredrik Samuel Neitge met Continuatie van de Jnlandse Leden voor nog een Jaar, zullende dus dit Collegie voor dit Jaar bestaan uit Den onderkoopman Martinus Stoffenberg president „ Negotie overdaager, Petrus van Grol vice preeses De Boekhouders Johan Joachim Hasz, en Johan Fredrik Samuel Neitje Europeesche, mitsgaders Anthonij Den 1 Augustus A:o 176 / ten aansien van de weeskamer is geen veranderin, oorgvallen tevordering van een quartiermeester 'T Trontje van T. Palleavats opperhood Tadama obtineerd p„r 'T schip, te prin„ „ses van orange passage naar Europa Anthonij Moetoe Siambanottij, Miera Lebe Marcair, en Challijappa Chittij, Jnlandsche Leden Wijders is, ten aansien van de weeskamer, goedgevonden en verstaan, bij deesen te noteeren, dat 'er omtrent dit Collegie geen verandering voor gevallen is, Tot onderstuurlieden met ƒ 20. —. ter maand en een satem te onderstinlieden op een nieuw verband van vijf Jaaren, is goedge„ vonden en verstaan, aante stellen den quartier „meester Jan Muller en Matroos Lourens Andersson, als daartoe bij examinatie door den schepper van het schip de Princes van orange Carsten Eggers, bequaam geoordeeld zijnde—. Op een Request van den koopman en g'eligeerd opperhoofd van Palleacatta Nico„ laas Tadama, is goedgevonden en verstaan, aan desselvs soontje, genaamd Reijnier willem, passe„ gie naar Nederland te verleenen, met het re tourschip 697 35 p. Den 1 Augustus A„o 1776 Comp„s betaald worde. verlossing naar neederland van de tourschip de Princes van Orange, onder toevoeging aan het selve van een plunje kist tot berging sijner kleederen, mitser alvoorens aan de Comp„e behoorlijk mitsalvorens maa usunte aan db: ^en Transpt. voldaan wordt het daartoe staande kost „ geld Voorts is, mits ruime tijds expiratie, goedgevonden en verstaan, met den opgemelden bo„ mmettaande personen „dem, behoudens hunner thans winnende gage, naar Nederland te verlossen, den Riemsmij der in de wapenkamer Pieter Braun, en Cannannier Harmen Alberts, en de Zijldaaten o Baptholomeus Holm Frans Meslag, Johan Pieter Saquilliaar, Johan Ernst Klaar Johan Michiel Roos, Christiaan Zeijler, Pieter Weeber, Philip Sievers, en Jacobus Meijer, onder toevoeging aan den eersten van een plunje kist, lang 42. — , mitsgaders bree, en hoog 12. - voet Wijders is verstaan den Matroos Martin Lading -
English
The 1st of August Anno 1776. On the Princes van Orange, promotion of an assistant carpenter. Promotion of a soldier clerk to gunner's mate on the said vessel. Increase of wages of the master bookbinder. Admission of the crew members mentioned on the next page. An assistant carpenter by trade, being ashore, is appointed assistant carpenter on the return ship the Princes van Orange with the monthly wage of ƒ 20, and this in place of the assistant carpenter of the aforesaid vessel who died in the hospital, Gysbert Noremans. Likewise, it is agreed to appoint as gunner's mate, in place of Harmen Hendrik Baade, gunner's mate on the newly mentioned ship who also died in the hospital, the soldier clerk Wiggert Hendrik Langenberg. Having served an expired contract well six times, it is approved and agreed to increase the wages of the Master Bookbinder of the Secretariat, Willem Davids, earning ƒ 20 in wages, to ƒ 24 per month, on a new contract of three years. Further, it is also agreed to admit into the Company's service: The 1st of August Anno 1776. Promotion of several persons. These persons are transferred to soldiers. As soldiers: Casar Jan Trans and Johan Perera. As sailor: Johannes Jansse. Drummer: Francisco de Rosairo. Piper: Johan Ribero. Eastern soldier: Balie of Batavia. And as military clerk with the Malays: the soldier Jonas Jans. Further to advance: To gunner: the soldier Carel Fredrik Temps; and To corporal: Gerardus Fleur. And to transfer to soldiers: The sailor Joseph Manuel Ferdinant, and The drummer Pieter Terrier; all at the usual wage, and on the ordinary contract according to the regulations, but the latter on his running contract. Thus done and resolved in the Castle at Nagapatnam, date as aforesaid. Was signed by all, except J: Appingh. The sad demise of the Lord Governor-General P: A: van der Parra, and the appointment to His High Honour's place of the First Councillor, etc., J: v: Riemsdijk. Meeting of the Council of Policy. Tuesday the 6th of August Anno 1776, at eight o'clock in the morning. Absent: The junior merchant Jan Appengh and Jan Daniel Simons; the first due to illness, and the other with official duties. Brought here yesterday with the private bark Wilhelmina Elisabeth from Batavia via Sadras, and subsequently from there overland, and today in the meeting opened and read: Their High Honours' circular letter of the 29th of December 1775, containing communication of the sad demise of the Lord Petrus Albertus van der Parra, Governor-General on behalf of the State of the United Netherlands and the East India Company in India on the 28th prior, as well as the joyful election in His Honour's place to those heavy, eminent dignities of the Lord First Councillor and Director-General of the Dutch East Indies, Jeremias van Riemsdijk. The 6th of August Anno 1776: Their High Honours will be condoled and congratulated by the first departing letter. The Lord Governor informs the assembly that the farmer of the import and export duties had requested of His Honour that it might please this government to accept from him 1,800 pagodas in doits. So it is approved and agreed, regarding the aforesaid weighty events that have occurred in the body of the High Government, dutifully to condole and congratulate Their Honours on the first occasion in respectful and fitting terms. By the Lord Governor it was proposed to the assembly the respectful request made to His Honour by the farmer of the import and export duties, containing in substance that, since he was so inundated with doits that he knew no way out with them, it might favorably please this government to accept from him 1,800 pagodas in doits, at 19 doits for a fanum; and this all the more because otherwise he saw no chance to pay his remaining lease money due by the end of this month. The 6th of August Anno 1776: And it is further proposed to accept that offer, and to send those doits from the farmer, being 512,000 pieces on hand, with the ship to Batavia. And at the same time it was proposed that, since there must be only a very small supply of that currency in Batavia, as His Honour had been written to by the present Lord Governor-General in a private letter to send the 512,000 pieces of copper doits on hand here thither, to accept the aforesaid offer, as the Company would profit barely 8 or well over 7 percent in Dutch money on it in Batavia; just as was further shown and clearly demonstrated to the Council by His Honour, so it is, taking into consideration on the one hand the substantial advantage that the Company will gain from it, and to prevent on the other hand the detrimental consequences that could result from this refusal at the forthcoming lease auction, approved and agreed to accept for the Company from the farmer of the import and export duties 1,800 pagodas in doits, the
Dutch transcription
Den 1 Augustus A:o 1776. op de princes van orange deren Timmerman bevordering van een soldaat aan de pen tot Constapels maat op de ged: bodem bevorder mij van gage van den baad„ boekbinder admassie van de ommestaande Maaschappen Een Aatons werdonden ommaman landing zynde een scheeps Timmerman van sijn ambagt aantestellen tot onder Timmerman op het retour schip de Princes van orange met de instede vanden op en dan verer age van ƒ 20. —. ter maand en sulks in steede van den in het Hospitaal overleden ondertimmerman van voorsz: bodem Gysbert Noremans Desgelijks is verstaan in stede van den al„ „me in het Hospitaal overleden Constapelsmaat op het evengemelde schip Harmen Hendrik Baade, tot Constapelsmaat aan te stellen den soldaat aan de Pen wiggert Hendrik Lan„ „genberg, Mits een ruime Zesmaal g'expereerd ver„ „band, is goedgevonden en verstaan, den Baas- Boekbinder van het Secretarij Willem Davids, winnende ƒ 20 in gage tot verhoogen tot ƒ24. —. ter maand, op een nieuw verband van drie Jaa„ ren vervolgens is nog verstaan in 's Comp„s dienst te admitteeren. voor an 3 698 359. — Den 1 Augustus A„o 1776. bevordering van eenige persoonen dees personen worden geCamgen tot soldaaten voor soldaaten Casar Jan Trans, en Johan Perera, voor Matroos Johannes Jansse, „ Tamboer Francisco de Rosairo, Pyper Johan Ribero, „ oosters sold: Balie van Batavia, en Tot Militair schrijver bij de Malijers den soldaat Jonas Jans, Voorts te avanceeren Cannonier den Soldaat Carel Fredrik Temps, en„ Corporaal „ _„o Gerardus Fleur; En tot soldaaten te Changeeren Den Matroos Joseph Manuel Ferdinant en „ Tampoer Pieter Terrier; alle met de gewoone gage, en op het ordinair verband volgens het Regle „ment, dog den laasten of zijn loopend verband Aldus Gedaan en Gearresteerd Jnt Casteel Tot Nagapatnam dato voorsz: /:was getekent door alle Excepto J: Appingh Het droevig afsterven van den Heer gouverneur Generaal P: A. v der Parra, en Hoog Ed„s plaatse van den Heerersten Raad &:o J: v. Priemsdlijk Smorgens ten agt uuren ƒ. Vergadering van Politie Absent Dingsdag den 6. Augustus A:o 1776 De onderkopman Jan Appengh en Jan Daniel Simons den eirsten wegens siekte , en den andern met occupatie Met de particuliere baak wilhelmina Elisabeth van Batavia op Sadras, en vervolgens van daar over den Landweg op gisteren alhier aangebragt en heden in vergadering geopend en gelesen zijnde Haar Hoog-Edelhedens Circuliere Missive van den 29. ' December 1775, behelsende Communicatie van het droevig afsterven des Heeren Petrus Albertus van der Parra, gouverneur generaal van we„ „gens den staat der vereenigde Nederlanden en be hergelijke entesijnesij de Oostindische Compagnie in Jndia ofe den 28. bevoorens, mitsgaders van de heukelijke ver „kiesing in sijn Edelheids plaatse tot die Zwaar E : ƒ 368. 699 Den 6. Augustus A„o 1776: zal men H: H: Ed„s bij den eerst afgaanden brief Condoleere en gratuleere Den Heer Gouverneur vertoond aan de vergadering dat den pagter van de in een uitgaande Regten aan sijn Edele ver sogt hodde dat het deese Regeering behaagen mogte ome 1000 pag: aan duiten alg: teg„s een s=n van hem te accepteeren —. Zwaarwigtige en eminente waardigheeden van den Heer eersten Raad en Directeur Generaal van Ne„ derlandsch Jndie Jeremias van Riemsdijk, ƒ zoo is goedgevonden in verstaan, wegens de voorsz: gewigtige gebeurtenissen in het Licham van de Hooge Regeering voorgevallen, Hoog deselven bij de eerste gelegenheid in eerbiedige en gepaste ter„ „men, pligt maatig te Condoleeren en te Congra„ tuleeren Js door den Heer gouverneur ter vergade „ring voorgedraagen het Eerbiedig versoek door den peragter van de in- en uitgaande regten, aan sijn Edele gedaan, behelsende in substan „tie dat, nadien hij sodaanig overkropt met duiten was, dat hij daarmede geenen uitweg meer en wist, het deese Regeering gunstiglijk behaagen mogte van hem te accepteeren 1800. –. pagooden aan duiten, tegens 19. –. duiten voor een fanum; en dit temeer, wijl hij an„ „ders geen kanszag, om sijne nog verschuldig x te peragt-penningen met ultimo deeser te. „ Den 6. ' Augustus A„o 1776: en proponeerd verders om die aanbieding Ed: terepositie, en — en de Decunde„ verpagt die duiten van den pagter aan landen synde 51200. stiks met het Contra schip naar Batavia te senden onderoot gen: edenterecesteen te voldoen, en teffens geproponeerd, dat dewijl 'er op Batavia maar een zeer geringen vooraad van die munt moeste weesen, alsoo sijn Edele door den presenten Heer Gouverneur Generaal bij een particulieren brief was aangeschreeven om de alhier aan handen zijnde 512000 stuks koopere duiten derwaarts te zenden; de voorsz: aanbieding te accepteeren, alsoo de Comp„e daar„ op te Batavia profiteeren zou schaars 8. of ruim 7. –. p:r C=t Nederlandsch geld; gelijk zulks door sijn Edele den Raad nader vertoond en Den Rad poreponeerd zij met zijn deudelijk gedemonstreerd is zoo is uit aanmerking aan de eene zijde van het weesentlijke voordeel, dat de Maatschappij daarop behaalen zal, en tot preventie aan den anderen kant van de nadeelige gevolgen die uit deese wijgering bij de aanstaande ver „pagting souden kunnen resulteeren, goed „gevonden en verstaan, van den Pagter atereemen en ve met den g selen van de in- en uitgaande regten voor de Comp„e te accepteeren 1800. –. pagooden aan duilen, de
English
362. 700 The 6th of August Anno 1776. to be recorded in a separate entry Representation of the Fiscal that a certain Easterner Jeremie, who, having been banished to Jaffanapatnam, violated his banishment and came hither Request of the Fiscal that he be rigorously punished for this bold action the duiten calculated at 19 pieces for one Nagapatnam fanum; and to send the same along with the aforementioned 51200 pieces with the return ship of this year to Batavia, but to note the accounting thereof in a separate entry on the invoice. The Honorable Fiscal Martinus Koning has demonstrated in an incoming report that a certain Easterner named Jeremie, who in the year 1774, on account of committed theft, by sentence of the Council of Justice here, was banished to Jaffanapatnam for the period of 7 years, had violated his banishment and crossed over to this place, requesting that this exile, who was apprehended and incarcerated again by his order, might be rigorously punished for this bold conduct, in order subsequently, being riveted in chains, to serve out his banishment 2 The 6th of August Anno 1776: to let him work on the public works in chains until his determined banishment has ended Submission of list of ammunition goods that can be spared here Insertion at the place where it should please this Supreme Government, it is, after deliberation, approved and agreed to have the aforementioned exile Jeremie summarily punished by the officers of Justice for violating his banishment; and further, being riveted in chains, to let him work on the public works here until his seven-year banishment shall have expired. By the Lieutenant and Head of the Artillery Hendrik Helmant, having been handed over to the Lord Governor and by His Honor presented to the assembly, the following list of such ammunition goods as could be spared here without inconvenience, reading as follows: List= 701 365. The 6th of August Anno 1776 List of the following ammunition of war to be shipped and dispatched. Namely 3 pieces Metal Mortars, whereof 2 pieces of 12 inches, weighs 5754 lb 1 piece of 10 inches, weighs 1553 lb 118 pieces Empty grenade bombs of 11¼ inches, weighs 17759 lb 27 pieces Iron cannons, to wit 1 piece of 4 lb, weighs 1300 lb 26 pieces of 2 lb, weighs 13000 lb 1452 pieces Iron cannonballs, whereof 57 pieces of 21 lb, weighs 969 lb 5 pieces of 10¼ lb, weighs 50 lb 654 pieces of 3 lb, weighs 1789½ lb 736 pieces of 2 lb, weighs 1288 lb 481 pieces Bar-shot; as 226 pieces of 3 lb, weighs 1356 lb 255 pieces of 2 lb, weighs 1020 lb 42 pieces Bar-shot with points, hereof 8 pieces of 18 lb, weighs 144 lb 28 pieces of 8 lb, weighs 252 lb 6 pieces of 5 lb, weighs 24 lb 230 pieces Grapeshot filled with iron, aged and decayed, wherein found 2035 pieces of iron balls; among which 200 pieces of 12 lb 30 pieces of 8 lb, weighs 185 lb 4463 lb Iron scrap-iron, weighs 4463 lb 5 pieces Iron sliding tongs, 1 lb, weighs 15 lb Total weighing 50930½ lb Underwritten Nagapatnam the 4th of June Anno 1776. was signed: Hendrik Hilmant. It is, after deliberation, approved and agreed Deliberation thereon The 6th of August Anno 1766 The shortage of bar copper from the sloop the Nagelboom shall be charged to Ceylon The master and quartermaster of the sloop the Papegaai shall also be charged for 143 parras short to make such use of the aforesaid goods in due time as shall be judged best. Having been received and reviewed, the findings concerning the delivered cargo of the sloop the Nagelboom from Colombo, it is, after examination, approved and agreed to charge Ceylon for 13¾ lb Japanese bar copper, delivered short on the cargo of this vessel of 100000 lb, after validation of the determined 1/16 percent, at f 98. 12. 8., to be reimbursed to the Company by the master of this vessel Hendrik Blom for one-third, and by his quartermaster for a third part. Likewise, after examination of an incoming report from the Surveyor Adam Gottlieb Henck concerning the delivered lime cargo of the sloop the Papegaai from Jaffanapatnam, it is approved and agreed 366. 702 The 6th of August Anno 1776. The assistant board money is granted to 2 soldier-clerks Admission of the overleaf persons for the 143 parras of lime still short on that cargo above the validated percentages, to have the pay accounts of the master and quartermaster of this vessel, named Groeneweg and Anthonij Ulrig, debited in the usual proportions with f 202. 8. Upon the favorable reports given by the heads of the Secretariat and Trade Office regarding the diligent and good conduct of the soldier-clerks Stephanus Seuthen and George Fredrik Winkelman, it is, in order to encourage them and others to apply themselves further in the service of the Honorable Company, approved and agreed to endow them with the assistants' board money. Furthermore, it is agreed to engage in the Company's service, as soldier at f 9. —: Pieter Johannes Fridel, to serve at Bimilippatnam; as Drummer in the garrison here, Jan Jacob Hendriks; and as youth, Pieter Ferdinandus Bax; the first two for a five-year and the last for a ten-year
Dutch transcription
362. 700 Den 6. Augustus A„o 1776. by een apparte kost bekend te stellen vertoonig van den Fiscaal dat seeker oosterling Jeremie, die naar Jassana p=m gebannen sijnde sijn bannissement gevioleerden herwaarts gekomen wal versoek van den discaal om hem over dit stout bestaan rigoreuselijk te be„ „straaffen de duiten bereekend tegens 19. – stuks oper een Na„ „gapatnamsche fanum; en deselve nevens de opgemelde 51200. - stuks met het Contra„ schip van dit Jaar naar Batavia te zenden dog de aaneek bij et restuin„ dog de aanreekening daar van bij een appar „te post op het factuur te noteeren Den E: Fiscaal Martinus Koning heeft bij een ingekomen berigt vertoond dat seker oosterling in naame Jeremie die in den Jaare 1774. wegens gepleegde die„ „verij bij vonnisse van den Raad van Justitie g. alhier, voor den tijd van 7. Jaaren naar Jaffanapatnam is gebannen geworden zijn bannissement gevroleerd en herwaarts overgekomen was, met versoek, dat dien bandeling, die op sijn ordre wederom geappre „hendeerd en geincarcereerd geworden was„ Htout over dit zijn schorst bestaan rigoreuselijk mogt worden gestraft, om vervolgens in ketenen geklonken zijnde, sijn bannisse „ment - 2 Den 6. Augustus A„o 1776: sen en vervolg „ aan de gemaene werken in ketenen te laaten arbeiden tot sijn bevaald bannissement ten einbl is Diening van Notitie van ammenitie kunnen genust worden Inseratie ment uit te dienen ter plaatse, daar het deese beslut on hende woote laten opper Regeering behaagen soude, zoo is na delibera„ „tie, goedgevonden en verstaan, den voormel„ den banneling Jeremie over het schenden van zyn bannissement de plano te laaten afstraffen door de bediendens der Justitie; en hem voorts, in ketenen geklonken wee„ sende aan de gemeene werken alhier te laaten arbeiden tot sijn zevenjaarig ban „nissement zal weesen g'expireerd Door den Lueitenant en Hoofd der Artil, goederen de alhe onde agere „ erij Hendrik Helmant, aan den Heer gouverneur, en door sijn Edele ter vergaderinge overgegeeven zijnde de ondervolgende Notitie aan sodaanige ammonitie goederen, als'er alhier buiten ongerief zouden kunnen worden gemist luidende aldus otitie= 701 365. Den 6. Augustus A„o 1776 'T Politie van de ondervolgende ammonitie van oorlog om af te scheepen en versonden te werden. . . . . 6 . Namelijk 3. p„s Metaale Mortiers daar van na 2 p„s. . . . . . . van 12 d=m weegt 5754. lb 7. „. . . . . . „ 10. „ „ 1553. „ 118. p„s Leedige granaat bommen „ 11¼ „ „ 17759. „ 27. „ Ijsere kanons te weeten geed 1. p„s. . . . . . . „ 4. lb. . „ 1300. „ 26. „. . . . . . „ 2. „ „ 13000. 1452. p„s YJsere kanon koegels, waar van 57. p„s. . . . . . „. 21. „ „ 969. „ 5. „. . . . . . „ 10¼. „ 50. „ 654. „. . . . . . „ 3. „ „ 1789½. „ 736. „. . . . . . . . „ 2. „ „ 1288. „ 481. p„s Lang scherp; als _o 226. p„s. . . . . „ 3ld. „ 1356. „ 255. „ .. „ „ 2 „ „ 1020. „ 42. p„s Lang scherp met punten hier van „ 510 8. p„s. . . . . . „ 18. ld. s „ 144. „ 28. „. . . . . . 8. „ „ 252. „ 6. „. . . . . . „ 5. „ „ 24. „ 230. p„s Druyven met ysere gevulde veroudent en vergaan waar in bevonden 2035. p„s isere koegels; waaronder 200. p„s. . . . van 12. lb„ 30. „ : . „ 8. „ weegt 185. „ 1 . - 4463. ld. e ijsere schroot. . . „. . „4463. „ 5. p„s ysere schuyftangen „ 1 „ „ 15. „ 8„ Tesaamen weegende 50930½. lb onderstond Nagapatnam den 4. ' Junij A„o 1776. /:was geteekend:/ H„k Hilmant. Zoo is na deliberatie goedgevonden en Deliberatie daarover verstaan Den 6. Augustus A„o 1766 De uit de sloep de Nagelboom te Staaf-kooper zal men Ceijlon aan merker „meester vergod te werden Den gesaghebber en quartiermeester van de sloep de Papegaai zullen meede weg„s 143. parr„s te min uit werden verstaan van de voorsz goederen in der tijd sodaa„ „nig een gebruik te maaken als men best ordeelen zal. Jngekomen en geresumeerd zijnde, de bevin min utgeleverd 1 : a a ing wegens de uitgeleeverde laading van de Sloep de Nagelboom van Colombo, zoo is na exa„ „minatie goedgevonden en verstaan met ƒ 98. 12. 8. Ceilon aantereekenen 13¾ d Japansch staaf kooper, op de laading van dit vaartuig of of de 100000 ld. te min verantwoord, na validatie van omdor dis jeden ulen at de bepaalde 1/16 p=r C„to, om door den gesaghebber van dit vaartuig Hendrik Blom voor 1/3. en door sijnen quartiermeester. voor een derde gedeelte aan de Comp„e vergoed te worden. Desgelijks is, na examinatie van een geleevende halkop sij ebest in gekome Rapport van den Landmeeter Adam gottieb Henck; wegens de uitgeleverde kalk laading van de sloep de Papegaai van Jaf fanapatnam, goedgevonden en verstaan voor 36 Ø. 702 Den 6. Augustus A„o 1776. het assesten kost geld word aan 2 sol„ „daaten aan de Pen toe gevoegd Admissie van de ommastaande per soone voor de boven de gevalideerde prCenten, nog op die Laading te kort gekomen 143. parras kalk de soldij reekeningen van den gesaghebber en quartiermeester van dit vaartuig in Naame groeneweg, en An„ „thonij Ulrig in de gewoone proportien met ƒ202. 8. te te laaten debiteeren Op de favorabele Rapporten door de hoof „den van het Secretarije en Negotie Comptoir „gegeeven van het neetstigen goed gedrag „van de soldaaten aan de Pen Stephanus Seuthen en george Fredrik winkelman is tot aanmoediging van hun en anderen, om sig met wer in den dienst der E: Comp„e te applicee„ „ren, goedgevonden en verstaan, deselven met het Adsistenten kostgeld te begiftigen voorts is verstaan in Comp„s dienst aanteneemen, voor soldaat met ƒ 9. —: Pieter Johannel Fridel, om op Bimilippatnam dienst te doen, voor Tamboer onder het quar nisoen alhier, Jan Jacob Hendriks, en voor Jonge Pieter Ferdinandus Bax, de twee eersten op een vijf- en den laasten op een thien ^ Jaarig
English
The 6th of August Anno 1776 Furthermore, upon the proposal of the Lord Governor to spend the present time of this meeting in resuming deliberations on the letters received here from the respective factories since the last meeting held on the 26th of June past, and having proceeded thereto, it was resolved, with regard to Portonovo, or the letters received from there dated the 16th and 22nd of July last, and the enclosures thereof, to authorize the Resident to write off the expense accounts for the months of May and June, as upon examination nothing objectionable was found therein. And further, with relation to the received requisitions for gift goods, it was approved and resolved to note in the outgoing letter thither that they have already been completely fulfilled by the thonij the Johanna Maria, except for some minor articles which were not in stock or were deemed unnecessary. Upon his communication that the washers' tank at Wannaarpalium had dried up due to the excessive drought, and the further demonstration of the necessity of re-deepening the same for the collection of the linens, it was resolved, before ordering anything final in this regard, to instruct the Resident to send an estimate to this Council of what that re-deepening might amount to. Likewise, it was also resolved to note for his information that the thonij the Johanna Maria has properly delivered here the 26 packs of linens laden therein, and that no less is expected of his zeal in the Master's service than that the next cargo which this little vessel will receive over there will be equally considerable. Concerning the Sadraspatnam matters appearing in the servants' letters from the 13th of May to the 29th of June of this year inclusive, it was initially resolved to note in the outgoing letter for the information of the chiefs that there have been duly received here with the thonij the Johanna Maria, as well as the sloops the Walvisch and the Papegaaij, the 4500 pieces of bluestone floor tiles, 300 pieces of bluestone plinths, and 33 packs of common bleached guinees sent therewith. Furthermore, it was resolved to take as communication the partial retrieval of the anchor lost by the bark the Eendragt in the roads of Cuddalore. And to approve the subsequent supply made by the servants to this vessel of two ropes and an anchor, sent thither from here for that purpose with the thonij the Johanna Maria and the sloop the Papegaai, together with the just-mentioned retrieved anchor, for the reason that this vessel was in extreme need of such assistance. Upon examination of the expense account for the month of May, as well as the memoranda regarding wages, board money, and rations supplied to the seafarers posted on the barks the Eendragt and the Liefde, as well as on the sloops the Papegaai and the Walvisch, no excesses or errors having been discovered therein, it was approved and resolved to authorize the servants to write them off. Yet, on the other hand, it was resolved to charge the master of the sloop the Walvisch, Willem Gijsbertus, together with his quartermaster Jan Adolf, in the usual proportions with ƒ 82:—: 8 on their pay accounts for the buyout cost of 15 5/6 lb of cloves accounted for too little there on 80 chests. That the bark the Liefde departed from there on the 3rd of June with 50 pieces of bluestone floor tiles for Jaggernaykpoeram was taken as communicated, and at the same time it was approved that the servants on that occasion supplied 34 pieces of bluestone tiles requested by the Jaggernaykpoeram chiefs in the year 1774 for the mint there. Regarding the chiefs' letter of the 20th of June, serving as a respectful answer to the inquiry of this Government made by letter of the 13th of April of this year, namely from what time, by whom, and from whom the debts of the toll collectors originated and successively
Dutch transcription
Den 6. ' Augustus A:o 1716 propositie omn te besoigneeren Deese ommestaande Portorooose „passeerd Melding na derwaarts dat de Eyj„ E: jaarig verband, ingaande met primo deeser Wijders, op de propositie van den Heer gouverneur, om den voorigen tijd deeser het zaamenkomste te besteeden, in weder besoigne te houden over de brieven van de respective Fac„ lorijen seedert de Jongst gehoudene bij een komste van den 26:' Junij p„r alhier ontvangen daar toe overgegaan wesende, is ten aansien van Portonovo, of de van daar ontvangen brie onktrek werden te afschaiperinge „ ven van den 16. en 22. Julij laastleden, en der „selver Bijlaagen, verstaan, den Resident te qualificeeren tot het afschrijven der onkost reekeningen van de Maanden Maij en Junij alsoo daarover bij examinatie niets is te remar „queeren gevonden. & voorts is, met relatie tot de ontvange van Stchenk: goederen bere oden Eijsschen van schenkagie-goedern, goedgevon den en verstaan bij den afgaanden brief naar derwaarts te noteeren, dat die bereeds Compleet zijn d 703 369 Den 6. Augustus A:o 176./ omtrent de uit dieping der wasserstant te wannaar palum zal men mier „maal disponeeren bevoor men een Calculatie van dies kosten van den Resident ontfange heeft Communicatie dat heer, dat met de Thonij de Johanna Maria 26. pak syjw: van daar ontfangen heeft Compleet voldaan zyn, met de Thonij de Johanna Com Maria, excepto eenige geringe articulen welke niet in voorraad of onnoodig geoordeelt waaren Op de door hem gegeve Communicatie dat de wasschers Tank op wannaar palium, door de exessive droogte, zoude weesen opgedroogd en verdere demonstratie van de noodsaakelykheid, die er voor den insaam der Lijwaaten in het weder uit diepen van de selve soude gelegen sijn, is, alvoorens hier omtrent iets finaal te ordonneeren, verstaan, den Resident aan te schrijven om van het geen die uitdieping wel zoude komen te importeeren, aan deesen Raade een Caculatie over te senden Desgelijks is almeede verstaan, tot zijn narigt te noteeren, dat de Thonij de Johan „na Maria alhier wel uitgeleevert heeft, de daarin afgelaadene 26: –. pakken lijwaaten, en dat men van sijnen ijver in 's Meesters dienst niet minder verwagt, dan dat de volgen en wat men verders verwagt de; 24 ƒ Den 6. ' Augustus A:o 1776. / Te doen bergt naar Sadras dat de neve, gemn vaartuijgen haare zaa„ ding alhier wel uitgeleeverd hebben, en dat men de opvissing van 'T verlioren anker door de Bark de Eendragt voór gecommuniceed houd Men keund de nev„s gem: verstrekking aan dit vaarting gedaan voor goed„ „de laading, die dit kieltje ginder sal inkrijgen even aansienlijk weesen sal. Concerneerende de Sadras„ „patnamsche zaaken, bij der bediendens brieven van den 13. ' Mai tot den 29. ' Junij dee„ ses Jaars inclusive, voorkomende, is aanvanke „lijk verstaan bij den afgaanden brief tot narigt der opperhoofden, te noteeren, dat al„ hier met de Thonij de Johanna Maria, mits „gaders de sloepen de walvisch en de Rippegaaij wel ontfangen sijn, de daarmede afgesondene 4500. –. p„s arduine vloersteenen; 300 p„s arduine neuten en 33. –. pakken guinees gemeen ge „bleekt Wijders is verstaan voor Communicatie aan te neemen de bedeelte opvissching van het anker door de bark de Eendragt, op de Rheede van Carreloer verlooren En voor wel gedaan te houden, de verstrekking naderhand, door de Bediendens aan. 704 374: Den 6. Augustus a„o 1776: 57 E Deese onkreeks: en aldaar ge„ daane verstrekking aan verscheijde see„ vaarende worden te afschryven gepasseerd Den gesaghebber en quartiermeerten van de walvisch aan dit vaartuig gedaan van twee touwen en een anker, ten dien eynde met de Thonij de Johan „na Maria en de sloep de Papegaai van hier naar derwaarts gesonden; benevens het soo even gemelde opgevischte anker, om reeden dit vaartuig eene diergelyke assistentie ten uittersten noodig hadt. Bij Examinatie der onkostreekening van de maand Mai, mitsgaders van de Memo„ „rien wegens verstrekte gage, kostgeld en rand„ „soenen aan de zeevaarende op de Barken de Eendragt en de Liefde, mitsgaders op de sloe„ pen de Papegaai en de walvisch beschei„ „den in deselve geen exessen of erreuren ontwaard weesende: zoo is goedgevonden en verstaan de Bediendens tot dies afschrijving te qua „lificeeren. Dog daarentegen is verstaan, den gesaghebber van de sloep de walvisch Willem Gijsbertus, nevens sijnen quar tiermeester. Den 6. Augustus A:o 176/ worden wegh aldaar te min verant Toldij rek„ belder De de pecke van daar van de Liefde naar Jaggermayk p=r word voor ge dewijl iu't de verantwoording van 5 opper loofd blaauw kamer „tiermeester Jan Adolf. —. in de gewoo„ woorde 15 5/:. do gamuspl agule op ne proportien met ƒ 82:—: 8. op hunne soldij-reeke ningen te doen belasten voor het uitkoops kostende van 15/6. lb garrioffel- nagelen, aldaar op 80. –. kisten te min verantwoord Dat de Bark de Liefde op den 3. ' Junij Communieers en welgedaar getmnd met 50 p„s arduine vloersteenen van daar naar Jaggernaykpoeram vertrokken was, is verstaan voor gecommuniceerd en teffens voor wel gedaan te houden dat de bediendens off die occagie voldaan hebben 34. p„s arduine „steenen, door de Jaggernaykpoeramsche Opper„ „hoofden in den Jaare 1774. voor de munt al„ „daan gevraagd Bij der opperhoofden brief van den 20. ' Junij dienende in eerbiedig antwoord op de vraage deeser Regeering, bij brief van den 13. ' April deeses Jaars gedaan, naa„ melijk van wat tijd, door wie en van wie de schulden der Tolhefsers herkomstig en Successive
English
373. 705 The 6th of August Anno 1776. and from the state account of the petty cash it sufficiently appears that the same regarding the arrears of the toll-collectors is innocent previous decisions taken in that regard to have the said arrears reimbursed from the estate of his predecessor were successively omitted? clearly demonstrated, as well as furthermore, upon examining the state accounts of the petty cash, it having appeared to this Council not only in abundance that this debt already before the time of the present Resident Blaauwkemer had been large, Pagodas 17: 11¼, for which he had signed with a reservation upon the transfer of the Residency, but also that the same since his administration there has been reduced by Pagodas 68. 11¼; so it is, on the basis of the aforementioned demonstration, which so clearly shows the Resident's innocence regarding the increase of these debts, approved and resolved, accepting his aforementioned defense as satisfactory, with the cancellation of all previous decisions taken by this Council regarding that matter, to have the said arrears of the toll-collectors amounting to Pagodas 102. —. reimbursed from the estate of his former predecessor in the Sadraspatnam Residency, the merchant Jacobus Leonardus Topander, or by his heirs, because it is certain that this debt increased the most during his time. The 6th of August Anno 1776. With the employees' defense regarding a wet and spoiled piece of Guinea cloth No 162 brought with the dhoni Johanna Maria Upon the employees' defense appearing in the just mentioned letter of the 20th of June, with regard to the pack of Guinea cloth brown blue No 162, which in the previous year was brought here with the dhoni the Johanna Maria entirely wet and spoiled; principally entailing that they are never careless enough to ship or unload packs or other goods that are subject to spoiling by getting wet in a hollow sea; that they however for a moment gladly grant the tandil, nay even for good measure will accept as truth, that the pack in question became wet in the chelinga between the shore and the vessel, but that they however in both these points see nothing that could incriminate them, and the attached petition The 6th of August Anno 1776. one will not only be satisfied, but also hold the tandil of the aforementioned dhoni innocent regarding this case, for reasons mentioned here, petition to liberate them on that account from the payment of the loss fallen upon those rotted linens, it is, in consideration that the employees cannot answer for the wetting of goods between the shore and the ship when they are shipped in good weather, and the chelingas in which they are transported to the ship are well provided with tarpaulins for covering the linens as appears to have happened in this case, approved and resolved to be satisfied with the aforementioned defense of the Residents, but at the same time also to hold the tandil of the aforementioned dhoni innocent regarding this case, since the latter can as little guarantee or answer for mistakes committed by his crew on board in accepting wet linens while he is on shore to receive packs, and consequently viewing the aforementioned case as an accidental occurrence, with cancellation of the decision of this Board of the 21st of October 1775 whereby the compensation for its lesser yield was imposed on the employees, to authorize them herewith to write off the aforementioned loss to the debit of the Sadraspatnam profit account. 374. 706 The 6th of August Anno 1776. authorization to write this loss off to the Sadraspatnam profit account; since the employees there cannot deliver any ray skins according to the requested samples, they are ordered to send those in their possession hither at the first opportunity. Concerning the requested ray skins, of which the employees say that they had not been able to obtain a single pack according to the desired samples, adding that the suppliers had not only testified to them that they suffered much loss on the two packs delivered by them in the previous year, but still had several other packs on hand from which those two were supposed to have been selected, without being able to get rid of them; it is resolved, without as yet committing oneself on this matter, solely to order the Residents to send those packs of ray skins with which the suppliers have remained stuck since the previous year hither at the first 375. 707 The 6th of August Anno 1776. what one shall write to the Residents regarding the profits made there and yet to be made; to report that a new flag mast with its accessories will be sent shortly. opportunity. The profits on the transacted merchandise in the months of April and May obtained at the aforementioned office being only passable, it is resolved to write to the employees in that regard that one hopes that the profit accounts of the following months will give a more pleasant showing, adding at the same time that this Government otherwise fears that things will again look meager for Sadras at the closing of the books. Regarding the requested new flag mast, which must be extremely necessary there since the employees fear that the present one will be blown down by the first strong wind, it is resolved to write to them that it along with its accessories is being made ready here, in order to be sent to them shortly with the dhoni the Johanna Maria. And.
Dutch transcription
373. 705 Den 6. Augustus A:o 176. en bij de staad reek: der kleene kasse ge noegsaam blijkt dat den selven ou„ trent het agterstal der Tollesserson„ schuldi2 voorige dierweg s genoomen besluiten het gem agterstal uit den boedel van zijn prodecesseur te laaten vergoede successive nagelaten waren ? duidelijk gede„ „monstreerd, mitsgaders daar en boven nog bij het examineeren der staat-reekeningen van de kleine kasse, deesen Raade niet allen in overvloede gebleeken, weesende dat die schuld van het presente opperhoofd. Blaauwkemer reeds voor den tijd ^ groot geweest was perp:o 17: 11¼. „ waar voor hij bij het Transport der opperhoof „dije met een exeptie geteekend hadt, maar ook, dat deselve seedert sijn bewint aldaar vermin„ dert geworden is met perp: 68. 11¼: zoo is, op fun zwis bestonen met restatie van de „dament der voorsz: demonstratie, die soo duidelijk 's opperhoofds onschuld, omtrent het vermeerdern deeser schulden aantoond, goedgevonden en verstaan, zijne voorsz: ver„ „antwoording voor voldoende aanneemende met resiliatie van alle voorige besluiten bij deesen Raade, omtrent die zaak genomen het gem: agterweesen: der Tholhessers groot pr/o 102. —. uit den boedel van sijne geweesen predecesseur in de Sadraspatnamsche opperhoofdije, den koop„ man Jacobus Leonardus Topander of door „ v 3 Den 6. Augustus A:o 1776. Met den bedienden verantwoordig omtrent een naten bedurven stuk guinees No 162 met de Thony Johanna Maria aan gebragt door zyne erfgenaamen te laaten vergoeden, de„ „wijl het seeker is, dat die schuld in sijnen tijd het meeste is vermeerderd. Op den Bediendens verantwoording bij even gemelde brief van den 20. ' Junij voorkomende, met betrekking tot het pak guinees bruin blaauw N„o 162. dat in het voorige Jaar met de Thonij de Johanna Maria alhier ten eenemaal nat en bedurven is, aangebragt; principaal behel„ „sende„ dat sij nimmer onvoorsigtig genoeg „zijn om pakken of andere goederen, die door „nat te worden bederf onderworpen zijn, met „een holle zee afte scheepen of te ontlossen; dat „zij egter dit voor een oogenblik den Tandel „wel toestaan, ja selvs ten overvloede voorwaar„ „heid aanneemen willen, dat het bewuste pak „tusschen de wal en het vaartuig in de Chia „leng nat geworden zij, dog dat sij egter in „deese beide stukken niets sien, dat hun sou „de kunnen beswaaren," en bij gevoegde suppli catie F Den 6' Augustus A:o 176. zal men niet alleen genoege neemen Maar ook den Tandel van voorsz houden om reeden hiernev„s vermeld „catie, om hun uit dien hoofde te libereeren van de betaaling van het verlees, op die verrotte lijwaaten gevallen, is, uit aanmerking dat de Beduendens niet repondeeren kunnen voor het nat worden van goederen tusschen de wal en het boord, wanneer die met goed weer worden afgescheept, en die Chialengen, waarin zij na boord getransporteerd worden, wel van presennings tot het dekken der lijwaaten zoo als in deesen schijnt ge„ „schiet te weesen, voor sien zijn, wel goedge vonden en verstaan, met de voorsz verantwoor „ding der opperhoofden genoegen te neemen, dog teffens ook wegens dit geval voor onschul „dig te houden den Tandel der voorsz: Thonij Thonij weg itgeval ovo oeschuldig nadien deese alsoo min instaan of verantwoorden kan voorabuisen, die door sijn volk aan boord worden begaan in het accepteeren van natte lijwaaten, terwijl hij aan de wal is, om pak „ken te ontvangen, en dienvolgende het voorsz: geval, als een toevallige gebeurtenis aansiende onder restutie de vorige besete onder resiliatie van het besluit deeser Tafel van 37 /4. 706 Den 6. Augustus A:o 17769: qualificatie om dit verlies ten laste wijl de bediendenis ginder geene reyge vellen na de g'eyschte monstersleeven „kunnen zoo gelast men hun om die witil verne te eehsten herwaarts te sere„ van den 21.:' October 1775. waarbij de bediendens de vergoeding van dies minder rendement was opge den Iaa p= winstrek afteskz: „ legt, hun bij deesen te qualificeeren, om het voorsz: verlies afteschrijven ten lasten van de Sadraspatnamsche winstreekening Betreffende de gepetitioneerde rogge vel- „len waarvan de bediendens zeggen, dat zij geen enkeld pak na de begeerde monsters hadden kunnen bekomen, onder bijvoeging dat de leveranciers niet alleen aan hun hadden be „tuigd, dat zij op de twee pakken door hun in het voorige Jaar geleverd, veel schade geleden, maar nog verscheide andere pakken, waar uit die twee souden gesogt zijn, aan handen hadden, sonder dat sij die konden quijt raa„ „ken; is verstaan, zonder sig voor als nog over voorh: sa bj ederen es veren eese saak uit te laaten, de opperhoofden eenig „lijk te gelasten, om die pakken met rogge vel„ „len, waarmeede de Leveranciers sedert het voorige Jaar sijn blijven sitten, bij de eers„ „te 37Ø. 707 Den 6. Augustus A„o 176 wat men de opperhoofden omtrent de aldaar behaalde en nog te behaa schriven sal te geeven berigt dat heer, dat men eerstdaags een nieuwe vlagge mast met dies toebehoer senden sal „te gelegenheid herwaarts te senden. De winsten op de omgesette koopmanschaep„ # „pen in de maanden April en Mai, ten voorsz: lene wisten & Copenanstij an Comptoir behaald maar passabel zijnde, zoo is verstaan daar omtrent de bediendens aan„ „teschrijven, dat men hooft, dat de winst- ree„ „keningen van de volgende maanden eene aangenaamere vertooning sullen geven onder bijvoeging teffens dat deese Regeering an„ „ders vreest, dat het er met Sadras bij het sluiten der boeken wederom mager sal uit sien Omtrent de gepetitioneerde nieuwe vlag- „ge mast, die aldaar ten uittersten noodig mort weesen, wijl de bedienden vreesen, dat de presente met de eerste sterke wind om ver zal waaijen, is verstaan, hun aanteschrijven dat die nevens sijn toebehooren alhier in ge reedheid werd gebragt, om hun eerstdaags met de Thonij de Johanna Maria toegeson„ „den te kunnen worden. En. n
English
The 6th of August Anno 1776. It is approved that upon the departure from there of the Secunde Tadama, the servants handed over the key of the money chest to the writer for safekeeping. Notice of the receipt of a letter and other papers. The detention of 2 sailors is approved. Because the lost anchor of the Eendragt cannot be recovered, one shall accept the loss. And it is meanwhile resolved to consider it well done that upon the departure of the Secunde Tadama to this place, they delivered the key of the large chest, which had been under his custody, to the writer Duyneveld, to be kept by him for that duration. Furthermore, it is resolved, for the information of the servants, to note in the outgoing letter that all the papers sent hither along with their letter of the 1st of July have been well received here, and at the same time they have approved the detention of two sailors there. Subsequently, upon the servants' letter of the 29th of June stating that there was no longer any prospect of recovering the lost anchor of the bark the Eendragt, it is further resolved to reply that one will then have to accept that loss. And 379. 708 The 16th of August Anno 1776. The receipt here of 2 bales of checkered rumals from Palleacatta shall be communicated. What shall be written to the servants regarding the poor state of the procurement. And the Palleacatta letters from the 29th of March to the 12th of July inclusive having hereby been taken in hand, it is initially resolved, for the servants' information, to note in the outgoing letter that the two bales of checkered Rumals which were dispatched with the sloop the Papegaay have been well received and found to be well sorted. But regarding the entirely poor state to which the cloth procurement at the said office has been reduced, and the servants' expressions of regret concerning that poor condition, it is not only resolved to remark in this regard that repentance usually comes too late or when no remedy can be found any longer, but also to seriously put before the chiefs that, if they had never rejected the Company's old merchants, or if the contracts had been signed earlier by the new ones and the advances of money had taken place in a timely manner, without previously The 6th of August Anno 1776. hazarding the interest of the Company for months on end with novelties that will never be feasible to introduce, as has occurred in the present case, and whereby the procurement of cloth has been so delayed that it is to be feared the Company will remain deprived for nearly an entire year of those assortments which it requested for the year 1776; the merchants who now complain that, on account of the late advance of money, they could not finish purchasing and dyeing yarn before mid-March, would have been able to provide themselves with it in time to deliver the commissioned cloths by the ordinary time, instead of now being placed in the necessity of having to declare that they will not have 16 bales in readiness before mid-September; along with making known at the same time the extreme displeasure of the Government over the aforesaid poor 709 384. The 6th of August Anno 1776. Disposition concerning two unserviceable ropes. condition of the procurement, and further writing that, since the aforesaid chiefs must alone be held to be the true cause of this disadvantageous outcome of the procurement, they must rightly expect the utmost indignation from the Gentlemen Majores and Their High Right Excellencies on that account, and that therefore all the disadvantage that the Company has to fear from their arbitrary actions and the rejection of the Company's old merchants is left to their mutual account. In regard to the two requisitioned ropes of 10 and 12 inches which upon inspection at Palleacatta, as appears from a declaration transmitted thereof, and upon further examination here by commissioned mates and according to their written report, have been found entirely unserviceable to be employed in the service of the Company, it is—considering on the one hand that, these ropes having lain at Palleacatta since the years 1766 The 6th of August Anno 1776. Insertion of the incoming declaration and the report thereof. 1766 and 1769 without the least use, one must also attribute their decay to this, and reflecting on the other hand that the chiefs during all that time neglected to give the least notice of their condition to this Government—not only approved and resolved to charge their amounts to ƒ806:2:8, burdened with a capital advance, or to ƒ1612:5:—, back to Palleacatta, to be reimbursed to the Company there by those upon whom it is incumbent, but also to insert the aforesaid declaration and the report herewith for consideration, reading as follows: On this day, the 6th of May Anno 1776. Appeared before me Francois Roussouw, bookkeeper in the service of the Honorable Company and sworn writer at this office, present the witnesses named hereafter, the fellow-bookkeeper Isaac Vrijmoet and assistant Jacobus van der Linden, who, at the requisition of Mr. Hendrik Ambrosius Johnson, merchant and chief of this office, deposed and declared to be true: That
Dutch transcription
Den 6. Augustus A„o 176, Men keurd goed dat die bediendens't. vertrek van daar van den secunde Pada ma, de sleutel van de geld Cas aan den scriba ter bewaaring overgegeeven hebben berygt van de ontfangt van eenbrief ne of andere papiere de aanhouding van 2 Matroosen word gepasseer wijl het verlooren Anker van de bendragt niet kan opgevest woo„ den sal men sig getroodden. En is intusschen verstaan voor welgedaan te houden, dat sij bij het vertrek van den Se„ cunde Tadama na herwaarts, de sleutel van de groote Cas, die onder sijne bewaaring was geweest den scriba Duijneveld. hadden geintra geerd, om soo lang bij hem geseponeerd te worden - - E Wijders is nog verstaan tot der be„ dienden narigt bij den afgaanden brief te noteeren, dat men alhier wel ontvangen heeft alle de papieren nevens hunnen brief van den 1:' Juli herwaarts gesonden, en teffens gepasseerd hebben de aanhouding aldaar van twee Matroosen. vervolgens is op der Bediendens schrijvens van den 29.' Junij dat er geen apparen „tie meer en was om het verlooren anker van de Bark de Eendragt op te visschen, nog ver„ staan, te repliceeren, dat men sig dat verlies dan sal dienen te getroosten En L 379. 708 Den 16. Augustus A„o 1776 De ontfangst alhier van 2 pakken roemaal geruite van palleaCatla sal bedeeld worden wat men de bediendens omtrent de slegte gesteldheid van den Jnsaam aan schryven sal En hiermede onder handen genoomen Zynde de Palleacattasche brieven van den 29: Maart tot den 12 Julij in Clusive is aanvan „kelijk verstaan, tot der Bediendens narigt bij den afgaanden brief te noteeren dat men de twee pakken Roemaals geruite die met de sloep der Papegaai sijn afgesonden wel ontvan „gen en goed gesorteerd bevonden heeft „ Maar betreffende den totalen slegten staad waaren de Lijwaat procure ten gem: Comptoire gebragt is en der Bediendens be „tuigingen van leetweesen wegens die slegte gestellenisse is niet, alleen verstaan hierom„ trent te remarqueeren, dat het berouw door„ „ gaans te laat komt of wanneer er geen redres meer te vinden is, maar ook de opperhoofden Sereuselijk voor te houden dat, wanneer sij Comp„s oude kooplieden novijt verstooten hadden, of de Contracten door de nieuwe eerder geteekend mitsgaders de geld verstrek kingen tijdig geschied waren, zonder alvoo„ rens. Den 6: Augustus A„o 176:/ „rens het interest van de Compagnie maanden lang aan nieuwigheeden die tog nooit sullen weesen in te voeren te hasardeeren, gelijk in het presente geval is geschied, en waardoor den in„ saam van Lijwaaten zoodaanig vertraagd ge „worden is, dat het te vreesen sij dat de Maat „schappij bij na een geheel Jaar verstooken blijven sal van die sortementen welke sij voor den Jaare 1776. gevraagd heeft de koop„ „lieden dienu klagen, dat sij uit hoofde van te laate geld verstrekking, niet voor half Maart met het inkoopen en verwen van garen hadden kunnen klaar raaken, sig daavan in tijds souden hebben kunnen voorsien om de aanbe „steede doeken tegen den ordinairen tijd te kun nen besorgen, in steede dat se nu in de nood „saakelykheid sijn gebragt, van te moeten betuigen dat niet voor medio september 16. –. fardeelen in gereedheid sullen hebben; onder te kennen geving teffens van het uitterste misnoegen der Regeering over de voorsz: slegte gestellenisse 709 384. Den 6. Augustus A„o 1776. dispositie over twee onbequaame touwen gestellenisse van den insaam, en verdere aanschrij ving dat, dewijl men de voorsz: opperhoofden al„ leen houden moet voor de waare oorsaak van dee „sen nadeeligen uitslag van den insaam, syj met regt daarover de uiterste in dignatie van de Hee„ „ren Majores en Haar Hoog Edelhedens te wag„ „ten hebben, en dat men dierhalven ook al het nadeel dat de Maatschappij uit hunne wille „keurige handelingen, en de verstooling van Comp„s oude kooplieden te dugten heeft, laat voor hun„ „nier beder Rekening. Ten aansien van de twee opg'eischte touwen van 10. –. en 12. –. duimen die bij vi„ „silitatie te Palleacatta, blijkens een daarvan overgesondene verklaaring en bij nadere excumi „natie alhier door Gecommitteerde stuurlied en volgens hun schriftelijke Rapport ten eene„ „maal onbequaam bevonden sijn, om in den dienst der Comp:s gemploieerd te kunnen „ worden, is, uit aanmerking aan de eene sijde, dat, die touwen seedert die Jaaren 1766 Den 6. Augustus A:o 176. /. Jnsertie van de daavan ingekome verklaaring en het rapport ende waaragtig te sijn 1766. en 1769 op Palleacatta gelegen hebbende zonder het minste gebruik men hier aan ook hun bederf moet attribueeren, en reflectie aan den anderen kant dat de opperhoofden in al dien tijd versuimd hebben van dies gestellenisse aan deese Regeeringe de minste kenniste ge„ „ven, niet alleen goedgevonden en verstaan dies bedraagen tot ƒ806:2: 8. met een Capi„ taal, avans beswaard of met ƒ 1612. 5. —. naar Palleacatta terug te rekenen, om aldaar aan de Compagnie vergoed te worden, door dien het incumbeerd maar ook de voorsz: verklaa„ ring en het Rapport, tot speculatie bij deesen te Jnsereeren; luidende als volgt Op huijden den 6. ' Maij A„o 1776. Compareerde voor mij Francois Roussouw boekhoud der ten dienste der E: Comp„e mitsg„s geswooren schriba ten deesen Comptoire present de nalemeldene getuigen den meede boekhouder Isaac vrijmoet en Adsistent Jacobus van der Linden dewelke ter requisitie van den Heer Hendrik Ambrosius Johnson, koopman en opperhoofd deeses Comptoires deponeerde waar Dat E
English
383. 710 The 6th of August Anno 1776, That they, the deponents, were ordered and commissioned by the aforementioned Chief to hand over and deliver, in the presence of the Junior Merchant and Fiscal of this Office, the Honorable Hendrik Scoffier, the two coir anchor ropes of 12 and 10 inches, which were brought in Anno 1766 and 1769 by the sloops Polijoer and the Anthonia Dorathea from the main station Nagapatnam, to the Chief Mate Arthur Voorstad van Dorp, in order to transport the same, pursuant to the highly revered order of the Illustrious Coromandel Government, with the small vessel under his command, the Eendragt, to the aforementioned main station; That, pursuant to that order, they proceeded to the seashore to conduct the inspection of the two coir anchor ropes, which had already been sent aboard the aforementioned vessel on the 30th of the past month and brought back to shore after two days, for the reason that the Second Mate was said to have testified that he could not well rely on the same, all the more because he saw that one of the said ropes, which he had in use not long, broke immediately, and the anchor that was attached thereto was lost; That, furthermore, the aforementioned Chief Mate van Dorp, who attended the inspection together with the deponents, being asked in the most emphatic manner what he judged of those anchor ropes, served as an answer thereto, that although the said ropes looked well on the outside, they were nevertheless in very bad condition on the inside, and thus were entirely not to be trusted; That the anchor rope of 12 inches is in two pieces, containing together 100, and the anchor rope of 10 inches is likewise 100 fathoms Rhineland measure in length. Herewith The 6th of August Anno 1776. Herewith the deponents end their declaration, giving as reason of knowledge as prepared in the text, remaining ready, if required, to further confirm the same by solemn oath. Thus done and passed in the Castle Geldria at Palleacatta on the date aforesaid, in the presence of the Assistants Salomon Hartwig Bonte and David Jansz as witnesses. Was signed: Jacob Vrijmoet and Jacob van der Linden. In the margin: Present before us, signed: S. H. Bonte and David Jansz. In the middle stood: In the presence of me, signed: Hendrik Scaffier. Lower: In the knowledge of me, signed: Frans Rousseau, sworn clerk. Below stood: Which is attested, was signed: F. Rousseau, sworn clerk. To the Right Honorable and Worshipful Sir Reijnier van Vlissingen Governor and Director of this Coast of Coromandel and its dependencies There, Governor. Right Honorable and Worshipful Sir, According to Your Right Honorable and Worshipful's highly respected order, we, the undersigned, 25 38 verso The 6th of August Anno 1776. Soldier promoted to Corporal is again changed back to Soldier, retaining wages. proceeded to the Equipment Storehouse and there inspected with the greatest precision two coir anchor ropes of 10 inches and 12 inches, which were recently brought from Palleacatta with the bark the Eendragt, and found that the same are entirely perished and unfit to be employed again in any of the Company's service; Hoping herewith to have fulfilled Your Right Honorable and Worshipful's highly respected order, and presuming to take the high honor of subscribing ourselves with the deepest respect and high esteem. Below stood: Your Right Honorable and Worshipful Sir. Lower: Your Honor's humble and obedient servants. In the margin: Nagapatnam, the 5th of August Anno 1776. Was signed: Cornelis Clement and Pieter Theodorus. Upon the communication of the officials that the soldier Michiel Joseph Doseij, who was promoted to Corporal, would not be capable of that service on account of a defect in speech and gait, it is resolved to have him step back to Soldier, but retaining the wages he currently earns, and this out of consideration that this latter defect is a result of the skirmish that recently occurred there. Yet 25 711 The 6th of August Anno 1776. And the requested promotion in his place rejected. Promotion of a schoolmaster to reader and a soldier to schoolmaster there. What is answered to the officials regarding the unsatisfactory writing received from the old merchants. Yet concerning the request of the officials that the soldier Andreas Peter Scholtse might step up in his place as Corporal, it is resolved to deny the same as unnecessary; On the other hand, it is resolved upon the proposal of the Chiefs to appoint as reader, in place of the reader in the Portuguese language who died there, the schoolmaster Apelles Henricus, who is in turn to be replaced as schoolmaster by the Mestizo soldier Manuel Meijer. Upon the question posed by the Chiefs to the Company's old merchants as to why they could not deliver the Northern cloths as well as is done by the English, no satisfactory answer having been given by them, it is resolved to remark regarding this that this by no means seems strange to this Government, since from those people, who have been as unexpectedly as unlawfully cast out of trade, one cannot well expect another answer to clarify the aforesaid. E
Dutch transcription
383. 710 Den 6. Augustus A„o 1776, Dat zij deposanten door bovengem: heer Opperhoofd sijn gelast en gecommitteerd geworden om de twe kaijer anker-touwen van 12. en 10 d=m die in A„o 1766. en 1769. per de Chialoepen Polijoer en de Anthonia Dorathea van den hoofplaatse Nagapatnam aangebragt sijn ten overstaan van den onderkoopman en fiscaal deeses Comptoirs den E: Hendrik Scoffier over „te geeven en te Jntraqueeren aan den opperstuurman„ A„r voorstad van Dorp om de selve in gevolge de seer gevenereerde ordre der Jllustae Cormandelsche Regeering met sijn onderhebbend bodemptje de Eendragt na gem: hoofd plaatse te Transporteeren— Dat sij ingevolge die ordre sig hebben begeeven na het Zeestrant om de visitatie te doen der twee kaijer Ankertouwen dewelke bereeds den 30. ' der gepasseerde Maand naar boord van gem barg versonden en na twee daagen weder aan de wal gebragt sijn, ter oorsaake dat den onderstuurman betuigd soude hebben van niet wel op deselve te kunnen vertrouwen, te meer wijl hij gesien heeft dat een der gesegde touwen welk hij niet lang in gebruik hadde, ten eersten is koomen te breeken, en het anker dat daar aan vast was verloor Dat voorts voorm: opperstuurman van Dorp die nevens de deposanten de visitatie bij gewoont heeft, op de nadrukkelykste wijse afgevraagd synde wat hij van die anker-touwen oordeelde, daar op ten ant „woord diende, dat schoon gesegde touwen van buiten wel uitsagen nogthans van binnen seer slegt gesteld, en dus op deselve ten eenemaal niet te vertrouwen waaren. Dat het ankertouw van 12. d=m aan twee stukken sijn inhoudende te saamen 100. en het anker 10 d=m meede 100 vadem r=m lang Hiermeede Den 6. Augustus A„o 1776. Hiermeede Eyndigende de deposanten hunne verklaa„ ring geevende voor reeden van weetenschap als in den text bereid, blijvende des gerequireerd werdende deselve met solemneele Eede nader te gestaaden. Aldus gedaan en gepasseerd Jn't Casteel Geldria te Palleacatta Dato voorsz: ten bijweesen van de Adsistenten Salomon Hartwig Bonte en David Jansz: als getuigen /:was geteekend:/ J„b vrijmoet en J„b van der Linden /:in margine:/ ons present:/ geteekend:/ S. H. Bonte en David Jansz: /: in het midden stond:/ Ten overstaan van mij :/ geteekend H„k Scaffier /:lager:/ Jnkennisse van mij/:/ /:geteekend:/ F:s Rousseau gesw: scriba /onder „stond:/ het welk Geduijgd:/ was geteekend:/ F. Rous„ „seau gesw: scriba Aan den WelEdelen Gestrengen Heer Reijnier van Vlissingen Gouverneur en Directeur deeser Custe Cormandel met den resorte van dien D„ G=ro WelEdele Gestr: Heer volgens uwel Edele gestrengens hoog gerespecteerde ordre, soo hebben wij ondergetee ken 25 38 p t Den 6. Augustus A:o 176. tot Cosporaal bevorderde zoldaat word weder rom gechangeerd tot soldaat be houdens gaege kendens ons bij de Equipagie pakhuijs vervoegt en daar op het naauwkeurigte geviesiteerd twee kaijer ankertouwen de 10. d=m en 12 d=m die Jongstleeden met de Barcq den Eendragt van Palleacatta sijn aangebragt en be„ vonden dat deselve ten eenemaal sijn vergaan en on „bequaam om weder in eenige sComp„s dienst g'imploi eert te werden; verhoopen hiermeede uwel Edele gestren„ gens hoog gerespecteerde order volbragt te hebben en ons de hooge Eere aanmaatigen met het diepst ontsag en hooge agting te onderschrijven /onderstond:/ uwel Edele gestr: Heer : /:lager:/ uwel Edelens onderdaanige en gehoorsaame Dienaren: /:in Margine:/ Nagapatnam den 5:' Aug„s A„o 1776. :/ was geteekend:/ C„s Clement en P„r Theodorus. Op de Communicatie der Bediendens, dat den, tot Corporaal bevorderen soldaat Michiel Jo„ Seph Doseij wegens gebrek in taal en gang, tot die dienst niet in staat zoude weesen, is verstaan, hem weder tot soldaat te rug te laaten treeden, dog met behoud van sijne tans winnende gagie en zulx uit Conside„ ratie dat dit laaste gebrek een vrugt is van de Jongst aldaar voorgevallene scher mutsel Dog 25 711 Den 6. Augustus A:o 176./ En de versogte promotie in desselven plaats hutslex bevordering van een Leermeeste tot voo leesen en een sodat te heer meester aldaar wat men de bediengens nop„s tet van de onde kooplieden ontfangen onoeldoende schryven Ja Dog betreffende der bediendens versoek, dat weder in sijn plaatse als Corporaal mogt optreeden den soldaat Andreas Peter Scholtse, is verstaan het selve als on „noodig te ontseggen; Dan daarentegen, is op der opperhoofden voordragt verstaan, in stede van den aldaar overleeden voor „leeser in de Portugeesche taale tot voorleeser aante stellen den Leermeester Apelles Henicus, om weder als Leermeester vervangen te worden door den Mixties soldaat Manuel Meijer. Op de vraage door de opperhoofden aan antween ontrent de onse deken aan Comp„s oude kooplieden gedaan waarom sij de Noordsche doeken niet soo goed konden leve„ „ren, als door de Engelsche geschied door deselve geen voldoenend antwoord gegeeven sijnde, soo is verstaan, hier omtrent te remarqueeren dat dit deese Regeering, geensins vremd voor komt, wijl men van die luiden, die soo onverwagt als onwettig uit den handel verstooten sijn, niet wel een ander antwoord tot opheldering, der voorsz E
English
30 p. 712 The 6 August Anno 1776. Regarding the posting of bail by the aforementioned merchant on the improbable excuse of the Left-hand merchants to give the merchant Ariassalam no share in the trade aforesaid matter could be expected, with instructions also to inform themselves in another manner thereafter so as to thereby be in a position to provide more light to the Council. Upon the request of the merchant Dornalwardappa Chittij, to whom the chiefs have issued the remaining 10125. –. pagodas, to remain exempt, on account of the esteem he had there and inland, from posting bail for this money, it was agreed to suspend the answer until one shall be informed by the new chief Tadama to what extent this Government could give its consent to this request without danger or fear of damage. Regarding the conduct of the Left-hand merchants, who, upon the order of this Government to give the Company's former merchant Siwa Sangara Arnassalam Chittij a share in the trade, one shall decide further. The The 6. August Anno 1776: one shall not express oneself with instructions not to trade for be The price of the bar copper is taken as notice and awaits the long have pretended that they were no longer able to do so, because they had already distributed all the money they had received for the collection among the weavers, it is, however improbable this pretext may be, nevertheless agreed not to express oneself thereon for this journey, but passing over the same untouched, to instruct the servants to postpone the contracting with Arnassalam until the coming year; but meanwhile to take care that the contracts are signed by the present traders and sent hither, as has been ordered repeatedly. Holding the communicated price of the Japanese bar copper as communicated, it is, with respect to the long-awaited Obligatory Deed of the second Scossier, agreed to remark that, if he does not wish to be condemned to a fine, he will then have to send over this paper rather promptly. After 389. 713 The 6th August Anno 1776. The aforementioned expense accounts and Memorandum are passed for write-off The handling there regarding the Ceylon boat De Herstelder After examination of the expense account of the month of May, together with a Memorandum regarding provided rations etc. in the said month to the seafarers assigned to the barque De Eendragt, no excesses being found therein, it was agreed to pass them for write-off. With regard to the Ceylon boat De Herstelder which arrived there, the servants having already been instructed with the necessary, it was, upon their further communication that they, as this vessel could no longer remain on the water due to heavy leakage, had let it run aground, agreed to reply that one, this being the last resort, whatever remained to save something from it, approves it for that reason. And having entered thereafter into deliberation over the principal contents of the Jaggernaijkpoeram letters of was approved the The 6. August Anno 1776. The Jaggernaijkpoeram Second de Neijs is relieved of a certain charge the 8th and 19th of May last, in order to devise the necessary reply thereto, it was initially, on the protestations of the second de Neijs that he always uses the utmost accuracy in making provisions, and that he had provided nothing to the ships De Both and De Wakkerheid except upon the express desire of the skippers, and with the attached request to be relieved from the reimbursement enjoined upon him of various items appearing in the expense accounts of those vessels and those of that month of August 1775, together amounting to the sum of Pagodas 206: 23 ¾, approved and agreed, taking satisfaction for this time in the aforesaid protestations of the second de Neys, with cancellation of the resolution of this Table of 28 December 1775, to release him from the payment of Pagodas 50: 18: - and Pagodas 32: 2 ¾ on account of various sling-wages and caulkers entered in the expense account of the ship De Wakkerheid, as well as of Pagodas 9: 22: — on account of 391. 714 The 6. August Anno 1776. yet one leaves the charge upon him for some items, with recommendation to be somewhat more attentive henceforth. are passed for write-off Chialen-wages in that of the ship De Both, together with another Pagodas 20: -: - on account of various items appearing in the expense account of the month of August; but to leave him charged for the other improper items entered in those accounts, as these are entirely contrary to order and fairness; with a recommendation also in the outgoing letter to the Second to observe henceforth all possible economy in the domestic management of the Company at Jaggernaijkpoeram according to his own assurance, and above all to beware of providing firewood to the ships, as this is not only too expensive at Jaggernaijkpoeram, but in addition the ships are sufficiently provided with it at Batavia for the entire voyage. Upon examination of the expense accounts of the months of March and April, together with
Dutch transcription
30 p. 712 Den 6 Augustus A„o 1776. Omtrent het bogen stellen van den nev„s gem: koopman over de onwaarschynelyke excus der Linkerhandse kooplieden om den koop„ man Ariassalam geendeel in den handel voorsz: zaak kon verwagten, met aanschrijving. teffens, om sig daarna op eene andere wijse te informeeren ten einde hierdoor in staat te ^ den Raad weesen ^ meerder ligt te suppediteeren Op het versoek van den koopman Dor„ nal wardappa Chittij, aan wien de opperhoofden de nog resteerende 10125. –. pp: afgegeeven hebben, om uit hoofde van het aansien, dat hij aldaar en land„ „waards in hadt, bevrijdt te mogen blijven, van voor dit geld borgen te stellen, is verstaan het aantwoord zoo lange te surcheeren, tot men van het nieuwe opperhoofd Tadama geinfor meerd sal weesen voor hoe ver deese Regeering in dit versoek haare toestemming soude kun nen geven, sonder pericul of vreese van Schade Omtrent het gedrag van de Linker „handsche kooplieden, die op de ordre deeser Re tous me te thunen geven geering om 's Comp„s ouden koopman Siwa Sangara Arnassalam Chittij, deel in zal men nader disponeeren den Den 6. Augustus A„o 1776: zal men sij niet itlaaten onder aanschrijving om gen Coop: voor werden De prijs van t Haaf koop: hond men voor berigt en verwagt de lang handel te geeven, voorgewend hebben, dat sij daar toe niet meer in staat waren, wijl sij bereedsal het geld, dat sij voor den insaam ontfangen hadden, onder de wevens haaden verdeeld, is, hoe onwaarschijnlijk dit voor wendisel ook sij, egter verstaan, sig daarover door deese reise niet uit te laaten maar het selve onaangeroerd passeerende, de Bediendens aan te ts sen ut den bandeteladene schrijven, om de Contractatie met Arnassalam maar uit te stellen tot in het aanstaande Jaar; dog intusschen zorg te draagen dat de de Contraitenteneetendet tnte Contracten door de presente handelaaren ge „leekend en herwaarts gesonden worden, ge „lijk te meermaalen geordonneerd is, De bedeelden prijs het Japans staaf- geleijsk ale bligaten van offe Kooper voor gecommuniceerd houdende, is, met betrekking tot de lang verwagte Acte Obliga„ „toir van den secunde Scossier verstaan, te remarqueeren, dat, zoo hij niet in een amende gecondemneerd wil worden, hij dan dit papier „wat spoedig sal dienen over te senden Na 389. 713 Den 6:' Augustus A:o 176 De nevens gem onk: reek: en Memorie worden ter afschryving gepasseerd De behandel ng aldaar omtrent de Ceilonse boot de herstelder Na examinatie der onkost reekening van de maand Maij, mitsgaders van een Memorie wegens verstrekte randsoenen ensz: in gem: maand aan de seevaa„ „rende op de Barcq de Eendragt bescheiden, in deselve geene excessen bevonden weesende, zoo is verstaan, die ter afschrijving te passeeren Ten aansien van de ginder aangekomen Ceilonsche boot de Her stelder, de bediendens reeds het noodige aangeschreeven zijnde, is, op derselver nadere Communicatie, dat sij dit vaartuig, wijl het wegens zwaare lekkagie, niet langer op het water hadt kunnen blijven leggen, hadden laaten stranden, verstaan, te antwoorden, dat men dit, als het uiterste mid„ „del synde, wat er nog over schoot, om er iets van te redden, om die reden approbeerd. En hierna ter deliberatie getreeden weesende over den voornaamsten inhoud der Jaggernaijkpoeramsche brieven van wors geapprobeerd den Den 6. Augustus A:o 1776. Den Jag: Secunde de Neijs wod van se kerde belasting ontheeft den 8. en 19. Maij laastleeden, ten einde daarop het noodige antwoord te beraamen, is aanvan „kelijk op de betuigingen van den secunde de Neijs, dat hij altoos in het doen van ver„ „strekkingen de uitterste accuratesse gebruikt mitsgaders aan de scheepen de Both en de wakkerheid niets verstrekt hadt, als op expres„ „se begeerte der schippers en bijgevoegde instantie om ontheft te mogen worden, van de hem geinjungeerd vergoeding van diverse posten bij de onkost reekeningen van die bodems en die van die maand Augustus 1775. voorkomende, te samen ten emporte van P /o 206: 23 ¾4. goedge „vonden en verstaan in de voorsz: protestatien van den secunde de Neys voor deese reise genoe „gen neemende met resiliatie van het besluit de„ „ser Tafel van den 28. ' xbr: 1775. ; hem te libereeren van de betaaling van Pp: 50: 18:- en P„o 32. 2¾. wegens diverse slengloonen en Calfaaters bij de onkost reekening van het schip de wakker„ „heid opgebragt, gelijk meede van pr: 9. 22: —. wee„ gens 391. 714 Den 6. Augustus A„o 176. dog men laat hem voor eenige posten de last met recommandatie on voort „ aan wat attenter te sijn worden ter afschrijving gepasseerd gens Chialens- loonen bij die van het schip de Both, mitsgaders van nog p/o 20. -. wegens onderscheide posten, bij de onkostreekening van de maand Augustus voor komende; dog voor de overige oneige posten, bij die reekeningen opgebragt, hem belast te laaten, alsoo die ten eenemaal tegen de ordre en de billijkheid strijden; met recommandatie teffens bij den afgaanden brief aan den Secunde, om voor„ taan in de huishoudelijke behandeling, van de Comp„e te Jaggernaijkpoeram alle mogelijke menage te betragten volgens zijn eige verse„ „kering, mitsgaders sig voor al te wagten voor het verstrekken van brant-hout aan de schee„ „pen, wijl dit niet alleen of Jaggernayk poeram te duur is, maar 'er boven dien de scheepen of Batavia genoegsaam van voor sien worden voor de gansche reise. Bij examinatie der onkost reekeningen de nos, genonterat, en Nemmi van de maanden Maart en April, mitsgaders van
English
6 August Anno 1776 Approval of the forwarded linen contracts. Baars' request to be relieved of a certain charge will be forwarded to Their High Excellencies, but the requested recommendation is refused. Of a memorandum of board money provided to the seafarers on the sloop, the same having been found correct upon examination and no errors having been noticed therein, it is agreed to authorize the servants to write this off accordingly. Furthermore, upon resumption, it is resolved to approve the linen contracts for the Indies forwarded hither for the supply of white and printed cotton cloths, as they have been drawn up in accordance with orders. Concerning the request of the chief Baars, addressed to Their High Excellencies the High Government of the Indies, containing a petition to be relieved from the compensation imposed upon him and the deceased second Dumon for the loss below 50 percent occurring in the Netherlands upon the sale of 187 bales of Jaggernaikpoeram linens; it is, after deliberation, approved and agreed to present the aforesaid petition to Their Excellencies at the first opportunity, but to refuse the requested recommendation, for the reason that Their High Excellencies, 392. 715 6 August Anno 1776 And for what reasons compensation is allowed to remain as a memorandum at the treasury. Excellencies, as appears from their missive of 26 October 1772 in response to the respectful letter from here dated 30 June previously, decided to send both the 150 bales brought hither by the ship Zeekerlust and the 37 bundles previously delivered with the sloop Poeijoer to Europe, as being found equally poor in their quality, in order to dispose further of the matter after obtaining information regarding their sale, as was done by their letter of 29 May 1775, by imposing the aforementioned compensation upon him and the second Dumon. Yet on the other hand, in order to show the aforesaid chief that this Government is not ill-disposed toward him in this matter, it is approved and agreed, pursuant to his request, to authorize the servants over there to allow his share in the aforementioned compensation, amounting to 6 August Anno 1776 until an answer is received from Batavia, but under which condition. Erroneously charged by Enkhuizen, shall be charged to Bimilipatnam and Palicol. To be reimbursed by Vrijmoet and Onstee. amounting to 5190.19.8 guilders, to continue running by memorandum in the petty cash until an answer to his petition shall have been received from Batavia, provided that, according to his offer, he specially pledges the gratification due to him from the Company, and that proper care is taken that he is debited for the aforesaid debt in the Jaggernaikpoeram trade books or in a separate account. Beside the chief Baars, it being also noticed by this Council from the forwarded returns of the sale of the aforesaid linens in the Netherlands that 106.16.8 guilders have been erroneously included by the Enkhuizen Chamber under the charged sum of 7786.9.- guilders, being the loss below 50 percent on the sale of 154 pieces of common Palicol salempores, it is approved and agreed to authorize the servants to charge 2/3 of this amount, or 71.4.8 guilders, to Bimilipatnam to the account of the former Palicol chief Dirk Vrijmoet, as well as 394. 716. 6 August Anno 1776 What to answer the Palicol servants regarding the pleasant prospect. the remaining 1/3 to Palicol to the account of the deceased second Onstee, to be reimbursed to the Company by them or from their estates. Furthermore, it is resolved to communicate to the servants that their letter sent to the Court of Justice here under flying seal has been duly delivered. With regard to Palicol, after reading the letter from the servants dated 24 May of this year, it is initially agreed to reply that it was noted with pleasure the pleasant prospect which the servants continued to maintain of a complete fulfillment of the demands in good quality fabric, and accordingly wishes that the outcome will correspond to this gratifying expectation, and also that the timely dispatch from here to Jaggernaikpoeram by the barques De Liefde and De Eendragt of 6 August Anno 1776 The servants over there are recommended the greatest prudence. Regarding the recently increased debts of the merchants there, one persists with the resolution of 28 December. of 2000 three-figure pagodas for Palicol will have contributed not a little to this; further intimating that one does not doubt that they will have already made use of this money and thereby dispelled the fear of some of their traders that, for lack of three-figure pagodas, they would have had to accept new Nagapatnam ones. Regarding the timidity expressed by the chiefs concerning the debts of the merchants and their request to be provided with positive orders in that regard, it is resolved to reply that no other orders can be given here than to observe prudence with them in all respects, and that this, as the Government has repeatedly remarked, cannot be done by any more effective means than that already introduced. However, regarding the increased debts of the merchants in the previous financial year, concerning which the chief Accama again seeks to clear himself by a
Dutch transcription
Den 6 Augustus A:o 1776 Approbatie der overgesonden zijewaat Contracten Het versoek van Baars om van zee„ kere belasting ontheft te worden zal H: Hl: Ed„s toegesonden worden, dog men refuseerd de versagte voorsz: van een Memorie van verstrekt kostgeld aan de Zee„ vaarende op de slorp het zoo bescheiden in deselve geen erreuren ontwaart weesende; zoo is verstaan, de be„ diendens tot dus afschrijving te qualificeeren. voorts is, na resumptie verstaan, te appro„ „beeren, de herwaarts overgesondene Lijwaat-con„ „tracten voor Jndien, ter leverancie van witte en gekattoeneerde doeken, nadien deselve na de ordre ingerigt sijn Concerneerende het Request van het opper„ „hoofd. Baars, aan Haar-Hoog Edelens, de hooge Jndiasche Regeering gedediceerd, behelsende ver„ „soek om ontheft te mogen worden van de vergoe „ding hem en den overleedene Secunde Dumon op „gelegt, van het verlies beneden de 50. - percent in Nederland gevallen, bij verkoop van 187. – pakken Jaggeraykpoeramsche Lijwaaten, zoo is, na deliberantie wel goedgevonden en verstaan het voorsz: suplicq Hoog: deselve aantebieden bij de eerste gelegenheid; dog de versogte voorschrij„ „ving te refuseeren, om reeden Haar Hoog Edelens. 392. 715 Den 6. ' Augustus A„o 1776 En om welke reeden vergoeding per Memorie bij de kasse te laaten voortloopen Edelens, blijkens hoog derselver missive van den 26:' October 1772. op het eerbiedig schrijven van hier bij brief van den 30. ' Junij bevoorens, beslooten hebben, om soo wel de 150 pakken. die met het schip zeekerlust alhier zijn aangebragt als de 37 fardeelen die bevoorens met de sloef Poeijoer aangevoerd waren, als even slegt in haar soort bevonden sijnde na Europate sen„ den, ten einde na bekomen narigt wegens dies verkoop over het een en ander nader te„ disponeeren gelijk bij hoog- derselver brief van den 29. ' Maij 1775 gedaan is, door hem en den secunde Dumon de voorgewaagde vergoeding op te leggen Dog daar en tegen is om het voorsz: qualifictie on oom opgelegden opperhoofd blyken te geeven, dat deese Regeering hem in die saak niet ongenegen is, goedge vonden en verstaan ingevolge sijn versoek de bedienden ginder te qualificeeren om desselvs aandeel in de voorgewaagde vergoeding bedraa gende Den 6: Augustus A: 1776, tot men van Gatavra ant wn bekeu„ dog onder welke mits kurkhuidsen abusive opgebragte, sal Bmilip: en Palicos angereekend worden om door vrymoet en onsteevergoed te worden „gende ƒ5190.19. 8. , zoo lange bij de klijne kasse pper Me„ morie te kunnen laaten voortloopen, tot men op sijn Supplicq van Batavia antwoord zal bekomen heb„ „ben mits hij volgens zijn aanbieding speciaal verbinde zijnde bij de Comp„e te goedhebbende dou ceur, en men behoorlijk zorge draagd, dat hij voor de voorsz: schuld bij de Jaggernayk poeram „sche Negotie- boeken of een apparte Rekening word gedebiteerd Nevens het opperhoofd Baars, ook door deesen het bi voorm: belastin bijde kamen Raade uit de overgesondene Rendementen van den verkoop der voorsz: lijwaaten in Nederland ontwaard weesende, dat er bij de kamer Enkhuisen onder de belaste somma van ƒ7786. 9. —. abiesive gebragt sijn ƒ106. 16. 8. of het verlies beneden de 50. pr C„t op den verkoop van 154. stukken Sa„ „lempoeris gemeen Palicols: zoo is goedgevonden en verstaan de Bediendens te qualificeeren om 1/3. van dit bedraagen of ƒ 71. 4. 8. bimilip„m aantereekenen ten lasten van het geweesen Palicols opperhoofd Dirk vrijmoet, mitsgaders het 39¼ 716. Den 6.: Augustus A:o 1776 Wat men omtrent de aangenaame voor licolde bediendens het overige 1/3 Palicol ten laste van den overleden Secunde Onstee, om door hun of uit hunne boedels aan de Comp„s vergoed te worden Wijders is nog verstaan de Bediendens te Communiceeren, dat haaren brief aan den Raad van Justitie alhier onder Cachet volant afgegee„ „sonden, wel is besteld geworden Ten aansien van Palicol, is na lectuure van der Bedienden brief van den 241: Mai unt sij noens en sesaan an de deeses Jaars aanvankelijk verstaan, daarop te rescribeeren, dat men daaruit met welgevallen ontwaard heeft, het aangenaam voor uitsigt het geen de bedienden bleven behouden op een Compleete voldoening der Eysschen in deugd„ saam gewees, en dienvolgende wenscht, dat de uitkomst aan deese streelende verwagting zal beantwoorden, mitsgaders, dat daar toe niet weinig sal hebben gecontribueerd de tijdige afsending van hier naar Jaggernaijk poeram met de barken de Liefde en de Eendragt van Den 6 Augustus A„o 1776. recommandeerd men de bediendens ginde de grootsevor sytighed aan omtrent de Jongstvermeerderde schulden der kooplieden aldaar persisteerd men bij besliit van den 28. ' December van 2000. drie buldige pagoden voor Palicol; met te ken „nengeeving verder, dat men niet en twijfeld, of zij zullen van dit geld reeds gebruik gemaakt en daar door verdreven hebben de vreese van eenige hunner Handelaaren dat sij bij gebrek van driebeeldige nieuwe Nagapanamsche pagoden zouden hebben moeten accepteeren Belangende der opperhoofden betuigde timi omtrentoe walke kopleden schillen eit omtrent de schulden der wralke kooplieden en hun versoek om daar omtrent met positive ordres gemunieerd te mogen worden, is ver„ staan te antwoorden, dat men hier omtrent gene andere ordres geeven kan, dan om met hun in allen opsigten de voorsigtigheid te be„ „tragten, en dat dit, gelijk de Regeering te meermaa„ „len heeft geremarqueerd door geen efficatieuser mid„ „del, dan het bereeds ingevoerde zal kunnen ge„ Schieden Maar betreffende vermeerderde schulden der kooplieden in het voorige Boekjaar, waarom„ „trent het opperhoofd Accama zig alweder door een 2
English
The 6th of August Anno 1776. How much the farmer of the import and export duties there shall be credited in reduction of his lease sum. A very ample remonstrance seeks entirely to excuse, it is resolved to reply in writing that, although this Council together with the High Government at Batavia have taken complete satisfaction in the chief's demonstration regarding the debts of the merchants in November 1775, one has nevertheless, for reasons repeatedly advanced, resolved to persist with the resolution of this Table of the 20th of December following, and that the chief is therefore ordered to spare all further requests against it for the future. However much it is contrary to the custom on this coast to grant any reduction to farmers, it has nevertheless, upon the favorable proposal of the servants, been approved and resolved to accord to the farmer of the import and export duties there—who, beyond contradiction, due to the severe drought in this year, must have suffered a considerable loss on his lease—out of that consideration, instead of the requested 150. -. Pagodas reduction, a remission of 70 percent, in order to allow this to be credited in reduction of his owed lease sum. The 6th of August Anno 1776. The on-standing expense account and memorandum are passed for write-off. Report to Bimilipatnam that the vessel is expected. Furthermore, after examination of the expense account for the month of April, as well as a memorandum regarding extraordinary repairs made upon prior authorization, it has been approved and resolved, as no excesses were discovered, to authorize the servants to write the same off. And the Palicol affairs having herewith reached their end, it has been approved and resolved, with respect to Bimilipatnam, to reply to the servants' letters of the 22nd and 24th of May last that the invoice of the cargo laden in the sloop Het Loo has indeed been received, but the vessel itself is still expected. Further. 718 398 The 6th of August Anno 1776. Satisfaction over the profits obtained there on merchandise. The aforementioned expense account and memorandum passed for write-off. Further, with respect to the profits obtained in the month of April at the aforesaid office on the merchandise disposed of there, to a considerable amount of f 9334. 5. 8, it is resolved to express the special satisfaction of the Government regarding this. While finally it is also resolved to authorize the servants to write off the expense account of the aforesaid month, as well as a memorandum of board money, wages, and rations provided to the seafarers assigned to the sloop Het Loo; likewise of an expense account charged to this small vessel, since upon examination of all the aforementioned papers nothing was found to comment upon. Thus done and resolved in the Castle at Nagapatnam, date as aforesaid. Signed by all, except J: D: Simons and J: Appingh. Notice of the receipt of a Batavian letter packet per the ship De Wakkerheid. Communication by the Governor regarding the weakness of the garrison, and what was proposed by His Honor. Saturday the 31st of August Anno 1776, at 8 o'clock in the morning. Council of Policy. Absent: The Mintmaster Willem Duijnevelt, and Second Warehouse Master Jan Daniel Simons, due to indisposition. With the ship De Wakkerheid having arrived here on the roads yesterday and a Batavian letter packet being opened today in council, it is, after reading, approved and resolved hereby to note that there was received with it Their High Excellencies' duplicate missive of the 5th of May of this year, accompanied by such enclosures as are noted on the register. The Governor communicated to the meeting how it had now been two years since they had received here the least relief of European soldiers, either from Europe or from Batavia; that since then, both through deaths and desertion, as well as discharge to the Netherlands, the garrison here, as well as the Company's other garrisons on this coast, having become very weakened, it had become high time to be mindful of obtaining some relief of soldiers, all the more since they were already compelled here, through lack of European soldiers, to have the gates of the outer city garrisoned by native warriors, alongside one European sergeant and two to three privates; proposing at the same time to address the Ceylon ministry to obtain some relief. Thus, pursuant to His Honor's proposal, it is approved and resolved, giving notice of the aforesaid reasons, to request the Ceylon ministers to assist us, for the reinforcement of the very weakened Nagapatnam garrison, as soon as possible with a relief of 50 common Europeans.
Dutch transcription
39 Ø. 717 Den 6: Augustus A„o 1776. E Hloe veel men den pagter van de in en uijt gaande regten aldaar in mindering van sijn pagt schal volidiend =een zeer ampel vertoog ten eenemaal tragt te veront„ schudigen, is verstaan te rescribeeren, dat, schoon deesen Raade nevens de Hooge Regeering te Ba„ „tavia volkomen genoegen genomen heeft, in sopper „hoofds Demonstratie wegens de schulden der kooplie „den in November 1775, men egter, om redenen te meermaalen geavanceerd, verstaan heeft te persistee„ „ren, bij het besluit deeser Tafel van den 20:' aber: daar aan volgende, en dat men dierhalven het opper„ „hoofd gelast, om alle verdere versoeken daartegen voor het vervolg te menageeren Hoe seer het ook tegen de usantie ter dee„ „ser kuste strijdig is, aan Pagters eenige afslag te geeven, is egter, op der Bediendens favorabelen voordragt, goedgevonden en verstaan, aan den Pagter, van de in- en uitgaande regten aldaar die, buiten tegen spraak door de swaare droogte, in dit Jaar een aanmerkelijk ver„ lies op sijnen pagt moet geleden hebben uit die Consideratie te accordeeren, in stee„ de N Den 6. Augustus A„o 1776. De omme staande onksteek„t en mamo„ rie worden ter afschryven gepasseerd Bernt naar Binil v„r tatmen dae te gemoet siet „de van de versogte 150. -. Pp„, afslag, een remies van 70. pC=t om dit in mindering van sijne verschuldigte pragt schat te kunnen laaten valideeren Wijders is, na examinatie der onkostreeke„ „ning van de maand April, mitsgaders van een Memorie wegens extra-ordinaire reparatien, of „voor afgaande qualificatie gedaan, goedgevon„ den en verstaan, wijl geene exessen ontwaard sijn, de bedienden tot dies afschrijving te quali„ „ficeeren En hiermede de Palicolsche zaaken haar vtanijentief entientin e eslag er langd hebbende is met betrekking tot Bimilipatnam op der bedienden brieven van den 22. ' en 24. ' Maij laastleden goedge „vonden en verstaan te antwoorden, dat men de Factuur van het afgeladene in de sloep het zoo wel ontvangen heeft dog het vaartuig zelve nog te gemoet siet. voorts. 718 398 Den 6. ' Augustus A:o 176. genoegen over de aldaar behaalde winssen op koopm: De nev„s gem onkreek„t en gepasseerd voorts is, ten aansien van de winsten in de maand April, ten voorsz Comptoire behaald op de aldaar gedemanuireerde koopmanschappen, tot een aansienlijk bedraagen van ƒ9334. 5. 8. ver„ staan, hier over het bijsonder genoegen der Re„ geering te betuigen Terwijl eindelijk nog verstaan is, de Bedienden te qualificeeren tot het afschrijven der onkost-reekening van voorsz: Maand, mits,„ Mmoron wonen te afsthegveng gaders van een een Memorie van verstrekt kost „geld, gage en randsoenen, aan de seevaarende op de sloept Loo bescheiden; gelijk meede van een onkost-reekening ten laste van dit kieltje nadien 'er op alle de voormelde papieren, bij exa„ „minatie niets is te remarqueeren gevallen Aldus gedaan en Gearresteerd. Jn't Casteel tot Nagapatnam dato voorsz: getekent door alle Excepto J: D: Simons en J: Appingh. vte Notitie van den ontfangst van een Ba„ verlooning door den Heer Gouv: Loen. Saturdag den 31. Augustus A„o 1776: Smorgens ten 8. Uuren Vergadering van Politie. Absent Den Muntmeester Willem Duijnevelt, en „ Tweede Pakhuijsmeester Jan Daniel Simons mits in dispositie. Met het gisteren alhier ter Rheede gearriveer taraschbrief paket p:r de aeken, de schip de wakkerheid ontvangen en heden in ver gadering geopend weesende een Bataviasch brelf- pankel: zoo is, na lectuure goedgevonden en ver„ „staan, bij deesen te noteeren, dat daar meede ontvangen is, Haar Hoog-Edelens duplicaat. missive van den 5. Maij deeses Jaars verseld van sodaanige bijlaagen als op het Register genoteerd staan De Heer gouverneur heeft ter vergaae van de swakheid van het quarin ring verloond, hoe het nu al twee Jaaren geleeden was dat men alhier geen het minste ontset van heid 26 404 719 Den 31. Augustus A„o 1776. / en wat door syn Ed. geproponeerd wierd besluit 50 europeese gemeene Militairen van Ceilon te versoeke van Europeesche Militairen, het sij uit Europa, of van Batavia hadt ontvangen; dat sedert, zoo door sterfgevallen en desertie, als verlossing naar Neder „land, het guarnisoen alhier, gelijk mede Comp„s andere besettingen ter deeser kuste, zeer verswaakt geworden sijnde, het hoog tyd geworden was, op het bekomen van eenig ontset van Militairen bedagt te sijn, te meer daar men hier al genood„ saakt was, door gebrek van Europesche Militai „ren de poorten van de buiten stad, door Jnland„ sche krijgers, neevens een Europpees sergeant en twee a drie gemeene te moeten laaten besetten; met propositie teffens, om zig ter bekoming van eenig ontset aan het Ceilonsche Ministe„ „rie te adressen: zoo is, ingevolge zijn Edeles voorstel, goedgevonden en verstaan, onder te kennen geving der voorsz: redenen, de Ceilon„ sche Ministers te versoeken, om ons ter ver„ sterking van het seer verswakt Nagapat„ nams guarnisoen: zoo dra mogelijk te assi„ „steeren met een ontset van 50. – gemeene Euro peeschen 26
English
The 31st August Anno 1776. Proposal by the Lord Governor regarding the ship to the North; holding back the ship here to fully load it. Furthermore, it was proposed to the assembly by the Lord Governor that, the time for the dispatch of the return ship the Princes van Orange to the North having arrived today, this ship should also depart according to the established standing orders if there were no sufficient stock of linen bales for Europe on hand here; but whereas they currently have on hand a considerable remainder of as many as 1562 bales with which this ship could almost be fully laden, His Honour was of the opinion that the aforementioned orders could well be bypassed in this case. And it was simultaneously proposed whether it would not be better to retain the aforementioned vessel here, which had already taken in 1000 pieces of the aforementioned 1562 bales, and fully load it in order to be able to dispatch it directly from here to Europe before the 15th of October, rather than sending it to the North for further full lading. The 31st August Anno 1776. To excuse the voyage, and also to dispatch directly to the Netherlands on the 15th of October. All the more so since, according to the letter of the Jaggernaykpoeram resident chiefs in their letter of the 12th of July, the bark de Liefde was expected here before the middle of September with a quantity of 265 bales of fine Northern linens, not counting what would be collected here during that time or brought in from Palleacatta and Sadras. Whereupon, having been maturely deliberated and noted that, moreover, it is also to be feared that if the aforementioned ship is dispatched now, it will miss the bark de Liefde, which departed long ago from Jaggernaykpoeram, and thus remain deprived of the fine Northern cloths; it is, on account of these matters, approved and resolved to agree with the proposal of the Lord Governor, and consequently to retain here the return ship the Princes van Orange, excusing its voyage to Northern Choromandel, in order to be dispatched directly from here to the Netherlands with a full cargo of linen bales on the coming 15th of October. The 31st August Anno 1776. Also to retain the counter-ship de Wakkerheid. Furthermore, with respect to the counter-ship de Wakkerheid, which only arrived here yesterday evening, His Honour noted that, since it is impossible to discharge this ship of its imported goods before the coming 24th or 25th of September and load it with the linen bales on hand here for the Indies, the time will then be far too late to send this vessel to the North, unless one expects it to return from a fruitless voyage due to the onset of the Northern winds, or exposes it to an apparent danger; at the same time proposing to retain this vessel here as well. Thus, in consideration of the danger to which this ship would be exposed if dispatched so late, it was approved and resolved to retain it here according to His Honour's proposal. The 31st August Anno 1776. And to dispatch it to Batavia on the 15th of October with Indian goods. What the aforementioned natives have offered for the sugar candy and camphor. Remarks regarding this and decision to relinquish the same for 23 and 80 pagodas respectively. To retain it here in order to likewise be sent to Batavia on the 15th of October with the linens made ready and on hand for the Indies. The Company's merchant Tiroemenij Chittij and shroff Wijlenade Chittij having offered for the sugar candy and the camphor recently brought here by the ships the Princes van Orange and the Wakkerheid the price of anno passato, or 23 and 80 pagodas respectively per bahar of 480 pounds for each article, calculating an advance of 54 5/8 and 91 1/2 per cent; it is, in consideration that since the previous year no notable change has occurred here on the coast in the selling price of the aforementioned articles, and there is as yet little hope that any increase will occur therein, approved and resolved to accept the aforementioned bid, on which the Company enjoys an acceptable advance. The 31st August Anno 1776. Endeavour by the Lord Governor to sell the arrack; unsuccessful; to hold it for some time. And consequently to relinquish to the Company's merchant Tiroemenij Chittij and shroff Wijlenade Chittij 95009 pounds of sugar candy and 9616 5/8 pounds of camphor, brought by the ships the Princes van Orange and the Wakkerheid, for the offered prices of 23 and 80 pagodas respectively per bahar of 480 pounds. Furthermore, the Lord Governor informed the assembly that His Honour had also tried to dispose of the 200 leggers of arrack brought by the aforementioned vessels in a suitable manner, but had not succeeded therein because no more had been offered for it than the purchase price. And it was simultaneously proposed, since all the aforementioned leggers are in very good condition, to retain the said drink for some time yet, to see whether its price might perhaps rise somewhat; thus, because one can always proceed to such a low sale, whereby the Company must surely suffer a loss,
Dutch transcription
Den 31. Augustus A„o 176., voordragt door den Heer gouv: van der schip na de Noord aan handen heeft; gaan het schip al hier te vollaaden Wijders is almeede door den Heer gouverneur tijd de depockerig van het aloum ter vergadering voorgedraagen dat den tijd voor de depeche van het retour schip de Princes van oran. „ge na de Noord, heden genaderd zynde, dit schip ook volgens de Constantie ordre zoude dienen te vertreken, bij aldien alhier geen genoegsaamen voorraad van Lijwaat-pakken voor Europa aan handen was; dan dewijl men tans alhier dogaeman ie dat naratin 16 p=sls leggen hadt een aansienlijk restant van wel 1562 -. fardeelen waarmede men dit schip wel ten naasten bij zoude kunnen volladen, zijn Edele van gevoelen was, dat de voorsz: ordre in dit Cas welkon worden voorbij gegaan proposte mnd ander van lijte en teffens geproproneerd, of het niet beter was, dem voorsz: bodem, die bereeds van de voorm: 1562. -. pakken, 1000. stuks hadt ingenoomen alhier aan te houden, en te vollaaden ten einde hem voor den 15. ' October, direct van hier naar Europa kunnen depecheeren, dan hem ter verdere vollaading naar de Noord te peesche Militairen. senden 402. 720 Den 31:' Augustus A:o 176. reide te exenseeren mitsg„s op den 15 8ber Direct. naar Neederland te Depecheeren senden 2 te meer daar men volgens het schrijven en waaran te meer, der Jaggemayk poeramsche opperhoofden bij briejf van den 12. ' Juli voor medio september de bark de Liefde alhier te wagten hadt met een quanti „teit van 265. pakken fijne Noordsche Lijwaaten ongereekend nog het geen in die tijd alhier inge„ zameld, of van Palleacatta en Sadras aange„ „bragt zoude worden waarop rijpelijk gedelibereerd en aange, seldente deuwig, „merkt zijnde, dat het boven dien nog te dug„ „ten sij, dat het voorsz schip, soo het nu gedepe„ „cheerd wordt, de bark de Liefde, die reeds lange Jaggernaykpoeram vertrokken is, misloopen, en dus verstooken blijven sal van de fijne Noord„ „sche doeken, soo is, uit hoofde van dit een en ander, goedgevonden en verstaan, sig met het voorstel van en bessunt dien bodeme van die den Heer Gouverneur te Conformeeren, en dien, volgende het retoutr. schip de Prinees van Orange met exusatie van sijne reise naar Noorder Chor„ mandel, alhier aan te houden, om met een volle laading lijwaat-paken op den 15. ' october aan staande Den 31. Augustus A„o 1776. Het Contra schip de wakkerheid Meede aan houden „staande, direct van hier naar Neederland gedeppe„ cheerd te worden wijders is, ten aansien van het Contra= schip de wakkerheid, die eerst gisteren avond alhier gearriveerd is, door sijn Edele aangemerkt, dat, dewijl men met geen mogelykheid dit schip voor den 24. of 25. ' September aanstaande van syne meede gebragte goederen ontlossen, en met de alhier in voorraad sijnde lijwaat-pakken voor Jndien belaaden kon, de tyd dan veel te ver zal verloopen weesen, om deesen bodem naar de Noord te senden ten sij men hem door het of komen der Noordelijke winden van eene vrugte loose reise te rug verwagten, dan wel voor een oogen scheinelijkk gevaar bloot stellen, met propositie teffens om deesen bodem alhier almeede aantehouden: zoo is, uitoverweging van het gevaar, waar aan men dit schip wanneer het soo laat gedepecheerd wierdt, zou exponeeren, goedgevonden en verstaan het selve naar de voorstel van sijn Edele alhier 404. 721 Den 31 ' Augustus A:o 176. /. en op den 15 8ber: met Jndiasche pats: na batavia te depecheeren wat nev„s gem: Jnlanders voor de Candij zinker en kampher gebooden hebben aanmerking dierweegens en besluit deselve voor 23. en 80. p p/:o respective afte staan, alhier aan te houden om almede op den 15. ' october met de ingereedheid gebragte en aan handen sijnde Lijwaaten voor Jndie naar Batavia ge sonden te worden Door Comp„s koopman Tiroemenij Chittij en Saraff wijlenade Chittij voor de Candij- zuiker en de kamfer Jongst met de scheepen de Princes van orange en de wakkerheid alhier aangebragt, geboden zynde den prijs van Ad„o passato of pa/o 23. –. en 80. –. respective voor de bhaar, of 480. r. s van ieder articul, bereekenen de een avans van 54. 5/8. en 91:½. p„rCent zoo is, uit Consideratie, dat er sedert het voorige Jaar geen merkelijke verandering alhier ter kuste in den verkoops prijs der voorsz: acticulen voorgevallen is; en er sig tot nog toe weinig hoof opdoet, dat daar in eenigeryjsing voorval„ len sal, goedgevonden en verstaan, met het voorsz: bod, waarop de Compnie een passa„ „bel avans geniet, genoegen te neemen en Den 31:' Augustus A„o 176 betragting door den Heer Gouv: on de Arrak te verkoopen non rensseer mij daar in eenige tijd aan te houden dienvolgende aan 's Comp„s Coopman Turoemenij Chit gen veer „tij en Sarafs waijlenade Chittij aftestaan 95009 ld kandij-zuiker en 9616. 5/8. lb. kamfer, met de scheepen de Princes van Orange en de wakker„ heid aangebragt voor de aangeboden prijsen van P„o 23. –. en 80. –. respective voor de bhaar van 480. rb. wijders is, door den Heer gouverneur aan de vergadering kennisse gegeeven, dat sijn Edele almede getragt hadt op eene Convenabele wijse van de hand te setten de 200. –. leggers arrak, door voorsz: bodems aangebragt maar daarin niet hadt kunnen reuesseeren, wijl men er niet meer voorgeboden hadt, als den inkoops prijs, en teffens geproproneerd, dewijl prosite en besutdese ven alle de voorsz Leggers zeer wel geconditioneerd zijn die gemelde drank nog eenigen tijd aan te houden, of de prijs daarvan somtijds nog eenigsins reesen mogte: zoo is wijl men altoos tot sulk eenen laagen verkoop waarbij de Comp„e sekerlijk schaden lijden moet, kan
English
49b. 722 The 31st of August Anno 176./ The demand for 2000 lb of fine yarn is assigned to Jaggernaijkpoeram and Palleacatta Disposition on the findings of the delivered cargo of the Princes of Orange can proceed, it was approved and agreed, following the proposal of His Honour, to retain the aforesaid arrack for some time longer in the hope that it will meanwhile somewhat rise in price. As 2000 lb of fine cotton yarns were petitioned in the recently received European demand for the year 1777, it was approved and agreed to assign 1000 lb thereof to the Palleacatta office and 1000 lb to the Jaggernaijkpoeram office for delivery, with instructions to the respective chiefs, especially to the new chief of Palleacatta Tadama, and with what orders to the chiefs to take care that they obtain it fully as fine as the sample. Furthermore, having been received and reviewed the findings alongside the reports concerning the delivered cargo of the return ship the Princes of Orange, it was, after examination, approved and agreed: The 31st of August Anno 176./ continuation 1st to have written off to the profit and loss account: 350 3/4 lb nutmegs on 35057 lb 400 1/4 lb cloves on 40016 lb 201 lb Japanese bar copper on 200000 lb 1495 lb candy sugar on 49841 lb 75 1/2 lb Japanese camphor on 2520 lb — 3/16 lb sheet lead on 250 lb 15 lb Dutch iron on 3008 lb 29 1/2 lb Pekalongan indigo on 983 lb 13 lb Tagal indigo on 437 lb 4 lb Java indigo on 137 lb 7 pieces lock plates on 132 pieces 3 lb gallnuts on 100 lb — 3/4 lb gum arabic on 25 lb 3880 cans arrack on 33800 cans 38 cans sack wine on 388 cans, and 20 lb Frisian butter on 405 lb, accounted for as short, since they do not exceed the ordinary percentages granted by the general regulation on the writing-off of shortages; 2nd to have the ship's officers debited in the usual proportions 109. 723 The 31st of August Anno 176./ Production of the copy of the concluded contract with the princes of Vizianagaram on their pay accounts with f 60. 18. — for the prime cost of 210 cans of arrack /: the price set as that of the past year :/ accounted for by them as short over and above the validated percentages; and 3rd or lastly, but on the other hand to have the said officers credited again on their pay accounts with f 12. 11. —, or for the prime cost of 49 lb of Japanese bar copper saved by them from the validated percentages on the delivered quantity. Finally having been brought to completion and produced today at the meeting by the Governor, a Gentoo copy and translation of the long-awaited contract concerning the re-leasing of Bimilipatnam etc., entered into, concluded, and signed by the Bimilipatnam chiefs for and on behalf of the Company with the Vizianagaram princes, together with their separate letter The 6th of August Anno 176./ what the same contains Deliberation thereon letter sent hither of the 20th of June, containing in substance that between them and the Vizianagaram princes Sjitta Ramarasoe and Visiaramasoe, it was agreed and contracted on the 28th of this year, subject to the approval of the Government, that the district of Bimilipatnam and its roadstead, as well as the villages of Commerpalium and Naganayapalium resorting under Bimilipatnam, should again be ceded in lease by the princes to the Dutch East India Company for the term of three years, and this for a sum of 8331 rupees per year or for 24993 rupees in three years; as well as that this lease should be reckoned to have commenced on the 4th of June 1775, or since the day that the Company again drew the revenues of those lands, and would expire at the end of May 1778; it is, since the aforesaid princes have at the same time by this contract confirmed all the prerogatives etc., which successively, as well by the Emperor Alamgir Padshah
Dutch transcription
49b. 722 Den 31. Augustus A:o 176./ Den eisch van 200 . o syjne gaaren is Jagg en Palleacatta opgedraagen Dispositie op de bevinding der uit geleeverde landing van de brinca„ van Orange kan overgaan, goedgevonden en verstaan na de propo„ sitie van sijn Edele, der voorsz: anak nog eenigen tijd aantehouden in hoope dat deselve intusschen wel„ eenigsins in prijs stijgeren zal Bij den Jongst ontvangen Europaschen Eijsch voor den Jaare 1777. gepetitioneerd zijnde 2000 lb fijne kattoene gaarens, zoo is goegevonden en ver„ „staan, daarvan 200.-. d s het Comptoir Pobilcatta en 1000. -. d. s het Comptoir Jaggernaijkpoeram ter leve„ „rancie op te draagen, onder aanschrijving aan de respective opperhoofden, vooal aan het nieuwe en met wat lastaande opperhoofden opperhoofd van Palleacatta Tadama om sorg te draagen, dat sij het selve bemagtigen ruim zoo fijn als het monster voorts ingekomen en geresumeerd zijnde de Bevinding nevens de Rapporten wegens de uitgeleeverde laading van het re„ tour schip de Princes van orange: zoo is, na examinatie goedgevonden en verstaan n Den 31:' Augustus A: 176. / vervolg 11 op reekening van winst en verliest te laaten afschryven v 350 ¾. lb Nooten muschaaten. op 35057. -. lb. 400. ¼.„ garriofsel nagulen „ 40016. –. „ 201 –. „ staaf kopper Japansch „ 200'0000. -. „ „ 49841. -. „ 1495. –. „ kandij zuiker 75½. „ kamfer Japansch „ 2520. –. „ — 3/16. „ plat-loot. . . „ 250. —: „ 15. –. „ ijser hollandsch. . . „ 3008. –. „ „ 98.3. –. „ 29½. „ Jndigo Paocalong: „ 437. –. 13. –. „ _„o Tagalsche „ 137. –. 4. –. „ _:o Jnsoort „ 132. –. 7. p„s sloot plaaten „ 100. –. 3. –. „. galnooten „ „ 25. —. — ¾. „ gom Arabicum „ 33800. —. kasn: 3880. –. „ kann: Arrak 38. –. „ Zek wijn. . . „ 388. –. „ en gue 20. –. lb vriesche boter. „ 405. -. lb.. te min verantwoord, als niet excedeerende de ordinaire prc=os, bij het generaale Reglement op de afschrijving van onderwigten geaccordeert 21 De scheeps overheeden in de gewoone propor tien 109. 723 Den 31:' Augustus A:o 176 productie van het afschrift van het geslooten Contract met de prin „son van vistanagaram, tien op derselver soldij-Rekening met ƒ 60. 18. —. te doen belasten voor het uitkoopskoostende van 210. – kannen arrak /: de prijs gesteld als die van anno pas„ „sato :/ door hun boven de gevaliceerd wordende pr Centos te min verantwoord; en 3/. of laastelijk; dog daarentegen de gedagte overheden wederom op hunne solij reekeningen te laasten Crediteeren met ƒ 12. 11. , off voor het uitkoops kostende van 49. db Japansch staaf koo„ „per door hun uit de gevalideerd wordende percen„ „tos op de aangebragte quantiteit over behouden Eijndelijk tot stant gebragt en heden door den Heer Gouverneur ter vergadering gepro„ duceerd weesende, een Jentiefs afschrift en Trans„ laat van het lang verwagte Contract wegens het „weder in pagt neemen van Bimilipatnam ensz: door de Bimilipatnamsche opperhoofden voor en van wegen de Comp„e met de visianaga„ „ramsche Princen, aangegaan geslooten ge„ oteekind, mitsgaders nevens hunnen apparten brief. Den 6:' Augustus A„o 176/. wat het selve betelst Deliberatie daarover brief van den 20. ' Junij herwaarts gesonden behelsen„ de in substantie, dat er tusschen deselven en de visianagaramsche Princen Sjitta, ramarasoe en visiaramasoe op den 28. ' deeses Jaars. op approbatie der Regeering over een gekomen en gecontracteerd was, dat door de Princen wederom voor den tijd van drie Jaaren aan de hollandsche Oost-indische Comp„e in pagt soude worden afgestaan het district van Bimilipatnam, en haare rheede, mitsgee„ „ders de onder Bimilipatnam resorteerende dor„ „pen Commerpalium en Naganayapalium, en sulx voor eene somme van 8331. - roppijen in het Jaar of voor 24993. –. ropijen in drie Jaaren mitsgaders dat deese pagt gerekend soude worden, aanvang genoomen te hebben met den 4. ' Junij 175 of sedert den dag, dat de Compagnie weder de inkomsten dier Landen getrokken hadt en met ult:o Mai 1778. zoude expireeren: zoo is, wijl de voorsz: Princen teffens bij dit Contract hebben geconfirmeerd alle de prerogativen ensz: die successive: zoo daar den keiser Alemgier Padoecha.
English
410. 729 The 31st of August Anno 1776. and decided to ratify the same subject to the approval of Their Right Honourables, in which is expressed in red wax the Company's seal of Alamgir Padshah, Sitarama Raju, and Vijaya Rama Raju Bahadur, to the Honourable Dutch Company at Bimilipatnam, so that they may continue as of old to enjoy free trade, the toll exemption both for goods exported by sea and by land, as granted and ceded to the Dutch Company by the Padshah, the Kings of Golconda, and Their Highnesses' ancestors; and as this contract, moreover, except for two articles which are currently not applicable, fully agrees with, and is amply as advantageous as the previous five-year contract, it was resolved and agreed to approve and ratify the same as it stands, subject to the favourable approval of Their High Nobles, the High Indies Government at Batavia, and to insert that contract herein for consideration. Translation of the Gentoo document, being the contract entered into and concluded by the Princes of Vizianagaram, Sitarama Raju and Vijaya Rama Raju, with the Honourable Company, reading as follows: The seal of the Padshah Gazi Alamgir, impressed in black ink, inside a ring in the Persian language, in which the words may be read: Sitarama Raju Mania Sultan. The seal of the Prince Vijaya Rama Raju, impressed in black ink, inside a ring in the Persian language, in which the words may be read: Vijaya Rama Raju Mania Sultan. In the Manmadha Nama Samvatsaram, Bhadrapada Suddha Trayodasi Guruvaram, being according to our reckoning the 8th of September Anno 1775, the Princes of the lands of Kalinga, Sri Sitarama Raju Maharaja and Sri Vijaya Rama Raju Maharaja, both in the name and on behalf of Their Highnesses and the Honourable Dutch Company, and in the name and on behalf of the Honourable Dutch Company and Their Highnesses, in conformity with what was approved by the Governor of Nagapattinam, the Right Honourable Reynier van Vlissingen, and the Honourable Council there, have arranged, agreed, and contracted with the Junior Merchant Dirk Vrijmoet, Chief, and Bookkeeper Johannes Markus Dormieux, Second, at the factory at Bimilipatnam. Whereas from time immemorial good harmony and friendship have existed between Their Highnesses' ancestors and the Honourable Company, they have, not only to make the same increasingly strong, but also for the sake of preserving intact the five-year contract which began on the 31st of May Anno 1768 and ended on the last of May Anno 1773, being according to the Gentoo reckoning from Sarvadhari Samvatsara Margasira Pravesam to Nandana Samvatsara Salu Aku, agreed once again to establish anew and to cause to be permanent the following: Their Highnesses promise to uphold the privileges successively granted to the Honourable Dutch Company by the Emperor Alamgir Padshah, the Kings of Golconda, and Their Highnesses' ancestors, through Kauls, Sanads, Parwanas, and Dastaks, in the same manner and form as they were previously granted, covering trade merchandise, the work carried out on the bleaching grounds that have stood under the Honourable Company from of old, and all that was expressed therein.
Dutch transcription
410. 729 Den 31:' Augustus A„o 1776. en besluit het selve op approbatie van H: H: Ed: te ratificeeren, waar in zijnde in deesen uitgedrukt Jn rood 'sComp„s Zegul van Alengier visiarama Tamiepadoecha rasoe Ja Rajabahadarroe aan de Ed: Hollandsch Comp„s te Bimilit=m om als van ouds te blijven genieten den vryen handel. De solvrijheid zoo van de ter zee als te Lande uijtgevoerd werdende Padoecha als de koningen van Golcanda en hunner Hoog-hedens voorsaaten aan de Hollandsche Comp„e verleent en afgestaan sijn en dit Contract boven dien, exepto twee articulen, die tans niet te pas komen volkomen overeenstemt met-; mitsgaders riim soo voordeelig is, als het voorige vijfjaarig Contract, goedgevonden en verstaan, het selve op gunstige approbatie van haar hoog-Edelens, de hooge Jndiasche Regeering te Batavia, te approbeeren en te ratificeeren zoo als het legt, Jnstertie van dat Contract mitsgaders bij deesen tot speculatie te Jnseree„ Translaat Jentiefs geschrift zinde het door de prinsen van visi„ anagaram sjitta en visiarama Rasoe met d'E Comp„s aange ren. gaan en geslooten Contract Luydende als volgt Zegul van den Alengier Sjellb: rama Sanee Padoechahe„ in Swarten gasie phidiwiesj Jnktge„ drukt, te leelen Littaramarasoe„ woorden, manie sul ring in de per gedrukt visiaramarasoe ma te Leesen zijn nia sultan. ring in de in deesen den Prince Jnswarten hegjie phiediwiemen Jukt waarin de woorden Persiaansche Prince rasoe Het Manmaddanama samwatserom badra padda soeda Tracocassie goeroewarom/: zinde volgens onse tijd Reecq: den 8. ' 7ber A„o 175. / Prinsen van de landen van Calinga Istrie Sjillarama Rasoe-maharasoe, en Istrie visiarama Rasoe maharasoe soo uit naame ende van wegen Hunne Hooghedens en de Edele Hollandse Comp„s, als uijt naame ende van wegen de Edele Hollandse Comp„s en hunne tan siaansche taale Hoogheedens Conform 't goedgevondene door den Nagapatnamse gouverneur den welEd: Heer Reynier van Vlissingen, en den E: Raad aldaar, met de onderkoopman Dirk vrij- „moet, opperhoofd, en Boekhouder Johannes Markus Dormieux, secunde ten Comp=te„ Binlip=m beraamd overeengekomen, en gecontracteerd Dewijl er van onheuglike teijden aftusschen Hunne Hoogheedens voor saaten en DE: Comp„e een goede harmonie en vriendschap stand gegreepen had, zoo is men, niet alleen om deselve hoe langer hoe kragtiger te maaken, maar ook om de wille der ongeschonde laating van 't 5. Jaarig Contract, begonnen hebbende met de 31. ' Maij A„o 1768. en g'eindigd met ult„o Maij A„o 1773. Zynde volgens de Jenliefse tijd reecq: van Sarwadarie samwatsara Moer gaserapra wesjam tot Nandana Samwatsarasaloeacoera, weerom over eengekomen om op nieuw stand te grypen, en van duur te doen zijn 't volgende. „ Hunie hoogheedens belooven te sullen doen standgrypen de doorden keyser koop manschappen. 'T werk dat op de van ouds onder dE: Comp„en gestaan hebbende Allengier Padoecha, de Koningen van Golconda en hune Hoogheedens voorsaa„ ten aan de Ed: Hollandsche Comp„s successive verleende previsigien bij Cauls Tana does Parwannas, en Diematoe, even en diervoegen als bevoorens verleend zijn geworden uijtgedrukt Blekeryen Zegul Lak Het gedrukt - dale
English
The 31st August Anno 1776 Bleacheries to be conducted without hindrance as before. Cession of the land upon which the fort at Bimiliapatnam is built, as has previously been ceded forever to the Honourable Company. And concerning the work of the mint, to proceed in such manner as has always been conducted, as written authorities regarding all these matters have from time to time been granted to the Dutch Company, having confirmed them, and also that the Princes shall permit the Gentlemen to retain the right to their mango gardens according to custom; the Dutch Company, taking pleasure therein, has taken in lease from Their Highnesses for the term of three years, excluding the mango gardens and the maniums of the pagodas and Brahmins, Bimilitapatnam along with its roadstead and the villages belonging under it, Commerpalium and Nagamoeyapalium, as well as to collect and receive, regarding all this, the benefits arising for the Honourable Company out of its caretaking and the customs duties and so forth being levied; beginning on 4 June Anno 1775 and ending on the ultimate of May Anno 1778; being according to the Gentoo calendar from Manmaddasamwatsara Ista Soeda Saptamie somawarom Moergaseramodolcoerie to Wielambiesamwatsara moelomoeragaserasariekie; or for 3 years, and that annually shall be paid 8240 rupees and to Cust mados 91 rupees, or together 8331 rupees, which for these three years amounts to a sum of 24993 silver rupees, which have been paid in cash by the Honourable Dutch Company to the Princes, the said amount having been received. The Honourable Dutch Company promises to administer the villages and rights well and properly during the lease term, as well as to maintain the freedoms of the renters and Brahmins as before. During the lease term, the Honourable Company shall have the government over those villages. From the inhabitants of the said villages as well as the renters and the property, likewise those who enter to conduct their trade and thus might settle therein for a time, Their Highnesses shall not be permitted to take anything under any title whatsoever, nor may the same be demanded from persons belonging under the Dutch flag; and concerning the merchants of the Honourable Company, the Princes promise to leave them unmolested, who shall thus stand directly under the orders of the Honourable Company. The Honourable Company alone shall hold jurisdiction under its laws against those who domicile under its flag. The Princes promise, since Their Highnesses have been paid the full money of the three lease years by the Honourable Company when the first year began, and it has been received by Their Highnesses, that they shall therefore demand nothing further from the Honourable Company. And whenever the Princes might have any matters pending with the villagers, Their Highnesses shall write concerning this directly to the Honourable Company itself. Whenever Their Highnesses' people and servants happen to take flight to Bimilipatnam, and the chiefs obtain knowledge thereof, or indeed they are reclaimed by Their Highnesses, such persons shall be delivered back along with their means and effects; just as the Princes promise to deliver back the Company's people, servants, and deserters who might remain or settle in the Prince's land through desertion, when the same are pointed out, along with their means and effects. The cost of the goods that Their Highnesses happen to requisition from the Honourable Company and which might be sent, shall be paid for in cash. Regarding the toll on the trade of the Honourable Company and all merchants, as well as the goods of the Company's servants and their attendants who must pass through the Prince's lands, they shall be allowed to pass according to custom. The Honourable Company promises to deliver annually to the Princes 100 new Nagapatnam pagodas, and for the present to the Nawabship of Chicacole 500 rupees, as well as 200 rupees for the higher and lower servants of that court, or together 700 rupees, to be handed over once in the third year after the second year has expired. And whenever any dispute might arise regarding that present, the Princes themselves shall remain answerable for it. Furthermore, the Princes promise, since the lease money of the Bimilipatnam district for the three years has been received in advance by Their Highnesses, and the same has accordingly been ceded in lease to the Honourable Company, that therefore that district shall thus be left to them by Their Highnesses until the expiration of those three years, and the Honourable Company shall retain the right not to relinquish the governance of the said district until the expiration of the three lease years. While the Honourable Company, after the passing of that time, shall no longer concern itself with the command over that district, but the Princes shall keep that territory under themselves. In confirmation of the good faith in this contract, two copies of identical tenor have been made, signed, and sealed, of which one shall remain with Their Highnesses and the other with the Honourable Dutch Company. (On the right hand was:) The signatures of the Princes Tjitta and Visiarama Rasoe (consisting of two marks next to each other in which the following words can clearly be read in the Telugu script, namely: Istrie sje, meaning Istrie Sjillaramarasoe, and Astrie vi, meaning Istrie Visiaramarasoo, and next to it on the left hand below each other signed:) Dirk Vrijmoet, and Johannes Markus Dormieux. (Underneath stood:) Translation according to the interpretation of the Company's Brahmin Bollabreggada Enkayga, in the Dutch factory at Bimilipatnam the 28th May 1776. (Was signed:) B. Pleijt sworn clerk. (Underneath stood:) Agrees: (was signed:) Dirk Vrijmoet and Johannes Markus Dormieux.
Dutch transcription
Den 31. Augustus A„o 1776 Bleekeryjen, zoo als vor heen onverhinderd te verrigten. afstand van de grond, waar op het kort te Bimiliap=m is gebouwt, gelijk bevoorens voor altoos aan DE: Comp„e afstand gedaan is, En aangaande het werk van de munt zoodaanig in dier voegen als altoos verrigt is voortgang te hebben, zoo als van tijd tot tijd aan d' Hollandsche Comp„e van alle deese zaaken by geschriften autorityten gegeeven zijn hebbende laaten stand grypen, als meede dat de Princen aan de Heeren het Regt op hunne maugus Thuijnen, volgens den gebruijke zullen laaten behouden; heeft de Hollandsche Comp„e daarinne genoegen scheppende van hunne Hoog heedens voor den tijd van drie Jaaren uitgenoomen de Mangus Thuijnen, en de Maniums der Pagooden en Bramineesen, in pagt overgenoomen Bimilit=m benevens de Rheede van dien en de daar onder sorteerende Dorpen Commerpalium, en Nagamoeyapalium, mitsgaders om de belangende dit alles, voor dE Comp:e uijt desselvs zorgdraagenheid voortspruijtende voordeelen, en geheeven werdende shoelen &„a te mogen Colligeeren, en ontfangen; beginnende met 4: Junij A„o 175. en Eijndigende met ult„o Maij A„o 1778; zynde volgens de Jentiefse tijd Reecq: van Man maddasamwat sara Ista Soeda Saptamie so mawarom Moergase ramodolcoerie, tot wielambiesamwatsara moelomoeragaserasariekie; of voor 3. Jaaren, en dat Jaarlijks zal betaald worden 8240. –. Ropijen en aan Cust mados 91. -. ropijen, of te saamen, 8331: Ropijen, dewelke voor deese drie Jaaren Een bedraagen uitmaakende van 24993. Ropijs zilvere, in Contant door Edele Hollandse Comp„e, aan de Prinsen voldaan sijn, is 't zel„ ve montant ontvangen De Edele Hollandse Comp„e beloofd, de Dorpen en geregtigheeden, geduurende de pagt tijd wel en na behooren te sullen Administreeren mitsgaders de vryheeden der Pagter, en Bramineesen, gelijk voor heen te mainctieeren staande de pagt tijd sal d'E„ Comp„s de Regeering over die Dorpen hebben van de Jnwoonders van gem Dorpen mitsg„s de Pagters, en de haave, item de geenen die ter drijving van hun Negotie gaan in komen en dus voor een tijd sig in deselve mogten ter neder setten, zullen hunne Hoog-heedens uit welken hoofde 't ook mogte weesen iets vermogen te neemen, of van de onder Nederlandsche vlag zorteerende persoonen, 't selve ge„ „vergd worden, en belangende de kooplieden van 2E: Comp„s belooven de Prinsen hem ongemoeijd te zullen laaten, die dus direct onder de beveelen van DE: Comp„se zullen Htaan DE: Comp„s zal alleen Judicature Competeeren van haar Ed: wetten tegens de geene die onder Haar Ed: vlagge Domicilieeren De Prinsen belooven, dewijl hunne Hoogheedens 't volle geld van de drie pagt Jaaren, toen 't eerste Jaar sijn aanvang heeft genoomen door DE: Comp„se heeft voldaan en bij hunne Hoogheedens ontfangen is, dat se derhalven niets meer van dE: Comp„e sullen Eysschen, En wanneer de Prinsen eenige zaaken met de Dorpelingen mogte uitstaande hebben, zullen hunne Hoogheedens zulks Direct aan DE: Comp„e zelvs schryven wanneer Hunne Hoogheedens volk, en bediendens naar Bimilipatnam koomen de vlugt te neemen, en de opperhoofden daarvan kennis krijgen, of wel dat sij lieden door hunne Hoogheedens gereclameerd werden, zullen de soodaanige met hunne midde„ „len en Esseclen wederom overleeverd worden; gelijk de Princen belooven 's Comp„s volk bediendens; en deserteurs, die sig door desertie in 's Prinsen Land mogten ophouden of daar ter 413. Den 31. ' Augustus A:o 1776: ter neederzetten, wanneer de selvens werden aangeweesen, met haar middelen en Effecten wederom overtegeeven 'T kostende van de goederen, die hunne Hoogheedens van DE: Comp„s koomen te requireeren, en gesonden mogten werden, sal in Contract betaald worden Omtrent de Thol van den handel van DE: Comp„e en alle de handelaaren, mitsg„s de goederen van 's Comp„s Dienaaren en haar bediendens die door's Princen Landen moetende pasen passeeren, zal volgens gewoonte laaten doorgaan D: E: Comp„e beloofd aan de Princen Jaarlijks aftelangen 100. – Nieuwe Nagap„s Pag: en voor het geschenk van 't Nababschap van Siccacol 500. . rop„s mitsg„s voor de meerder en minder bediendens van dat Hoff. 200. –. rop„s of te saamen 700. rop„s als het tweede Jaar g'eEx„ „pireerd is, in het derde Jaar eens aftegeeven, En wanneer er zig omtrend dat geschenk eenig geschil mogte ontslaan, sullen de prinsen zelvs daar voor sprekelyk blyven voorts belooven de Prinsen, dewijl het pagtgeld van 't Bimilip=n discrict van de drie Jaaren bij hunne Hoogheedens voor uit ontfangen, en het selve dien volgens aan DE: Comp„e in pagt afgestaan is, dat derhalve dat district door Hunne Hoogheedens tot den verstrek van die drie Jaaren, aldus zal gelaaten worden en DE: Comp„e zal 't regt aan zig behouden om van de Regeering van 't selve district, tot de Expiratie van de drie pagt Jaaren niet aftesien Terwijl DE: Comp„e naar het verweeken van die tijd het gebiet over dat District, niet meer sal aangaan maar de Princen zullen dat bestek onder sig selvs houden Tot bevestiging der goederentrouwe in dit Contract zijn hier van twee eens luidende gemaakt, geteekend en gesegeld waar van Een onder hunne Hoogheedens en het ander onder d' Edele Hollandsche Comp„se zal blyven berusten (aan de regter hand stond:/ De handteekeningen van de Princen Tjitta. en Visiarama Rasoe /: bestaande in twee merken naast de andere waar in duidelijk in de Sillingaasche saale te leesen sijn deese woorden; Namentlik Istrie. sje /: beduijdende /: Istrie- Sjillara marasoe: en Astrie=vi: /:beteekende :/ Iftrie=visiaramarasoo en daar nevens aan de Linker hand onder den anderen /:geteekend:/ Dirk vrijmoet, en Johannes Markus Domieux /:onderstond:/ oorde oversetting volgens vertaaling van 's Comp„s Bramine Bollabreg „gada En kayga, In't Neederlands Comptoir Bimilipatnam den 28. ' Maij 1776. /:was geteekend:/ B„r Pleijt geswo seriba /: onderstond:/ Accordeerd:/: was geteekend:/ Dirk vrijmoet en Johannes Markus Dormieux Maar 725
English
The 31st of August Anno 1776. The chiefs request to employ 500 rupees for a jewel to present to the prince's interpreter, decided to grant 250 rupees. Regarding the request made by the chiefs in their aforementioned letter of the 20th of June, to permit them to now employ the 500 rupees, which in the previous year had been intended as an acknowledgment for the services of the Prince's Duan, for the manufacturing of a jewel in the native manner, in order to present it in the name of the Company to the interpreter of Visagapatnam as an acknowledgment for the services he rendered at the conclusion of the aforementioned contract; considering that this sum is rather too considerable to be given to an interpreter, it is resolved to authorize the servants there to present the said interpreter, in the name of the Company, with a jewel valued at 250 rupees, or half of the aforementioned sum, citing in the outgoing letter that this Council maintains that his services will thereby be amply rewarded. Next 415. 726 The 31st of August Anno 1776. Production of a report on the surveyed Company villages. Next, the Governor produced at the meeting a written report from the surveyor Adam Gotleb Henk and the Adigaar of the villages Johannes Scheuneman, regarding the surveying of six Company villages; being of the following content: To the Right Honorable, Valiant Sir, Reijnier van Vlissingen, Governor and Director of this Coast of Cormandel with its dependencies, etc. etc. Right Honorable, Valiant Sir! In accordance with your Right Honorable's highly respected orders, the draftsmen, for the further progress of the surveying of the outer villages, proceeded one after the other to the six Company's Insertion of the same villages The 31st of August Anno 1776 villages Talcoer, Boepallirasiapoeram, Aywelie, Pallecadoe, Waddacoedi, and Boermadesiam, and there, according to the statement and indication of the oldest and most knowledgeable inhabitants, together with the under-adigaar, accurately inspected, examined, and by the first draftsman exactly measured the aforementioned six villages, both as to their perimeter and internal condition, especially the good sowing brackish lands and the good soils intermixed therewith, and subsequently mapped them, these No. 1, 2, and 3, each of 2 adjoining villages, and found the same to be as I have the honor hereby most respectfully to present to your Right Honorable, namely: In the Honorable Company's village Paleoer and the village Boepattirasiapoeram lying intermixed therein, as appears from the accompanying map No. 1, and namely: Of the village Paleoer, whose internal limits, due to the division of the lands, are demarcated in white, with red, yellow, and blue, contains: In two heathen temples named Jsoeren and Aynarkoijl with their houses, gardens, and tanks: Kuilen 1350 Good sowing lands belonging to the Pagoda Agatissaran: Kuilen 6300 Good lands of the Pagoda Nillaca Paliamen: Kuilen 6550 Ditto of Jserasamie: Kuilen 3672 Houses, gardens, streets, and tanks of the inhabitants of this village: Kuilen 18899 Silt or brackish lands allocated to the renters for 20440 Kuilen, but upon remeasurement found to contain: Kuilen 25000 Carried forward: Kuilen 61771 727 417. The 31st of August Anno 1776. Brought forward: Kuilen 61771 The excess by which the lease benefited in brackish lands: Kuilen 4560 In brackish lands that could be improved, but are currently used for small crops: Kuilen 5098 Unseedable lands of the inhabitants for threshing paddy and grazing cattle: Kuilen 320 Good sowing lands of the inhabitants from which the Honorable Company and the farmer enjoy revenue: Kuilen 79730 A piece of good sowing land of the Company's interpreter Jagoe: Kuilen 2412 Good sowing lands belonging to the interpreter of Justice Annappa: Kuilen 11367 A rest house, garden, and tank of the said Annappa: Kuilen 1725 A rest house, garden, and tank of the Company's merchant Froemeij Chittij: Kuilen 6970 Total Kuilen: 172393 Houses, gardens, streets, tanks in the said village belonging to Pawadenayker: Kuilen 7623 Silt or brackish lands that can be improved: Kuilen 4070 Brackish lands of the same which are used for small crops: Kuilen 6113 Good sowing lands for paddy belonging to the same: Kuilen 33780 Total belonging to Pawadenayker: Kuilen 72386 Thus in total this village is found to measure: Kuilen 244779 Carried forward,
Dutch transcription
Den 31. Augustus A„o 1776. Die opperhoofden versoeken om 500 rap„s tot een Juweel te emploijeeren om desprncens Teholk te bescheekken wel van 20 re:t te geven./ Maar aangaande der opperhoofden versoek bij haaren opgemelden brief van den 20. ' Junij gedaan om hun te permitteeren van de 500. –. ropijen die men in het voorleeden Jaar's Princen Duan tot eene erkentenis voor sijne diensten hadt toe„ „gedagt nu te mogen emploieeren tot het aan„ „maaken van een Juweel na de inlandsche wijse, om daarmeede uit naam der Maatschaf„ pij den Tolk van visagapatnam te beschenken, tot eene erkentenis voor de diensten, die hij bij het sluiten van het evengemelde Contract be„ „weesen hadt, is, uit aanmerking, dat die som vrij te aansienlijk is, om aan een Tholk geschon„ „ken te worden en verstaan, de Bedienden aldaar te qualificeeren, om gemelden Tholk uit naam beseint ver sholfmvan anse, de Maatschappij te beschenken met een Juweel ter waarde van 250. –. ropijn of de helfte der voorsz: somme, onder aanhaaling bij den af„ „gaanden brief, dat deesen Raade sustineerd, dat syne diensten daar mede ruim sullen beloond weesen. Vervolgens 415. 726 Den 31. Augustus A„o 1776./ productie van een rapport van des gemeete Comp:s dorpen, vervolgens is door den Heer Gouverneur ter vergadering geproduceerd een schriftelijk Rapport van den Landmeeter Adam Gotleb Henk, en Adigaar der Dorpen Johannes Scheuneman, wegens het meeten van zes Comp„s dorpen; zynde van den volgende inhoud . ƒ va Aan Den Wel Edele Gestrengen Heer. Reijnier van Vlissingen Gouverneur en Directeur deeser Custe Cormandel met den resorte van dien &a &a Wel-Edele Gestrengen Heer! Ingevolge uwel Edele Gestrenges hoog g'eerde ordres hebben de Teekenaars ter verdere voortgang met de meeting der buiten Dorppen haar agter den anderen begeeven naar de ses 's E. Comp„s Jusertie van 't selve Dorpen Den 31:' Augustus A„o 1776 Dorpen Talcoer, Boepallirasia poeram, Aywelie Pallecadoe, Waddacoedi en Boermadesiam, en aldaar naar volgens opgaave en aanwijsing der oudste en kundigste Jngeseetenen neevens onder adigaar, de gem„de zes Dorpen soo aan derselver omtrek als inwendige gesteldheid insonderheid de goede Zaaijbrak en daar onder vermengde goede gronden, nauwkeurig besigtigd, ondersogt, en door den eersten Teekenaar Evact gemeeten vervol„ gens in kaarten gebragt, deesen N„o 1. 2. en 3. ieder van 2 Dorpen annex en deselve soodaanig bevonden als de Eere hebbe hier inne u wel Edele gestr: Eerbiedigst te vertoonen, teweeten Jn het 's E: Comp„s Dorp Paleoer en daar inne vermengd Leggend Dorp Boepattirasia poeram blijkens verseld kaartje N„o 1. , en wel v„ Het Dorp Paleoer welkers inwendige Lamieten om de verdeeltheid der gronden witte, met rood, geel, en blauw is afgeset, houd in Aan Twee heidense Tempels in Naame Jsoeren en Aynarkoijl met dies hui Ten Thuynen en Panken. . . . . Kuilen 1350 „ goede Zaaij gronden, de Pagood Aga tissaran toebehoorende - - - - - „ 6300 goede gronden van d' pagood Nillaca Paliamen. - „ 6550. _: o „ „ „ „ J madoe - - - „ 3672. Jsera Samie „ Huisen Thuinen Straaten en Panke der Jngeseetenen van dit Dorp - - - „ 18899. „ Silt of Brak gronden de Pagters voor Kuilen 20440 toegemeeten, Edog bij naameeting bevonden in te houlden. . . . . . „ 25000. Transporteere kuilen 61771. 727 417. Den 31. Augustus A„o 1776: P„r Transport Kuilen 61771. Des meerder waarmeede de pagt bevoordeelt werd aan brak gronden kuilen, 4560; Aan Brak gronden die goed te maaken waaren dog thans voor kleen gewas gebruik - . „ 5098. „ onbesaaijbaare gronden der Jngeseetenen tot uitrappen der Nelij en weijen van het vegelt 320. goede Zaaylanden der Jngeseetenen daar d' E: Comp„e en de Landman revenu van „79730. Een stuk goede Zaaijland van de Comp„s „ 2412. Tholk Jagoe . „ goede Zaaijgronden van de Tholk van Justitie annappa toebehoorende - - - „ 11367. Een Rusthuis, Thuin, en Tank van - - - „ 1725. gem: Annappa. Een Rusthuis Thuin en Pank van den Comp„s koopman Froemeij # . Chittij geniet. . . . . „6970 Feld Krielen 172393 „ Huisen Thuinen Straaten Tanken in gem: Dorp Pawadenayker toebe hoorende kuilen 7623. –. „zilt of brak gronden die goed te maaken sijn. - . „4070. –. „ brak gronden van desel „ve die tot kleen gewas gebruikt werd - - - - „ 6113. —. „ goede Zaaijgronden voor Nelij denselven toekomstig „ 33780. –. Geld saamen van Barwadenayker Kuilen „72386. Des in 't geheel dit Dorp bevonden groot te sijn kl. 244779 Tranporteere, - - -
English
The 31st of August Anno 1776 Carried forward Kuilen 214779. This village, according to an earlier report, is known to be in size 161576. Thus, after deduction, more lands were found to the benefit of the Honorable Company: Kuilen 83203. 2nd The Honorable Company's village Boepatinasiapoeran, defined on the same map No 1 with blue boundary lines, contains: In a heathen temple, a garden named Peermaalkoil, and the combined houses, gardens, tanks, and streets of the inhabitants: Kuilen 1390. Saline or brackish lands, measured out to the farmer for 1000 kuilen, but upon remeasurement found to contain: 1100. Being more to the benefit of the lease of the brackish lands in this village: Kuilen 100. Good arable lands for paddy, from which the Honorable Company enjoys revenues from the husbandman: 17750. Total Kuilen 20240. This village, according to earlier reports, is estimated at: 22657. Thus a deficit, which it is assumed must have become dispersed among the surplus lands of Paleoer and can no longer be distinguished by the inhabitants: Kuilen 2417. Which, deducted from the surplus lands found in the village Paleoer, leaves remaining over: Kuilen 80796. Note: The farmers of the village Paleoer are also the cultivators of this village. In the Honorable Company's village Aijwelie and the village Pallecadoe situated intermingled therein, as appears from the accompanying map No 2, namely: 1st The first-named village Aijwelie, whose boundaries are marked in red and thereby distinguished from Pallecadoe, contains: In houses, gardens, tanks, streets, and pariah hamlets: Kuilen 785. Brackish or saline lands, measured out to the lessee for 4970 kl:, but upon remeasurement found to be: 7300. Thus surplus by which the lease of the brackish lands was benefited: Kuilen 2330. Good arable lands for paddy, from which the Honorable Company and the husbandman derive rights: 17430. Carried forward: Kuilen 25515. 80796. 728 419 The 31st of August Anno 1776 Carried forward: Kuilen 25515. 80796. In a piece of arable land on which dues are paid: 154. Furthermore, there lies in the village Waddekoedoe, as appears from map No 8, still scattered from this village: Good arable land of the inhabitants: Kuilen 7721. Ditto of the pagoda: 1286. Total Kuilen: 9161. Thus together: Kuilen 35936. This village, according to earlier reports, is recorded as: 21764. Thus surplus of mostly good arable lands in this village found for the Honorable Company: Kuilen 14172. 2nd The Honorable Company's village Pallecadoe, lying enclosed within the aforementioned Aijwelie, contains: In a heathen temple named Iserenkoijl, besides tanks and garden: Kuilen 1288. Another two heathen temples: 110. Houses, gardens, streets, and tanks, etc.: 5315. Brackish lands for small crops: 855. Uncultivable for the grazing of cattle, and in marshes: 5225. The terrain of the river: 1560. Brackish lands, measured out to the lessee for 1845 kuilen, but upon remeasurement found to contain: 2105. Thus surplus that comes to the benefit of the lease of the brackish lands of this village: Kuilen 260. Good arable lands for paddy, from which the Honorable Company and the farmer draw revenues: 23284. Total combined Kuilen: 39742. This village, according to earlier reports, is recorded to be in size: 23765. Thus surplus of lands found for the Honorable Company: Kuilen 15977. In the Honorable Company's village Waddacoeddie and the village Boermadesiam lying scattered therein, as appears from the annexed map No 3, there is found: 1st In the village Waddacoedie, whose boundaries are marked in yellow and distinguished from the village Boermadesiam: In lands of the pagoda Mariamkowil, rest house, garden, tank, Brahmin houses, and square of Coenja Chittij: Kuilen 3065. A garden: 1260. Carried forward: Kuilen 3065. 107945. The 31st of August Carried forward Kuilen 3065. 107945. In good arable lands behind the aforementioned rest house, belonging to the pagoda: 3243. Another two heathen temples with their gardens, tanks, and adjacent Brahmin houses, and further gardens, streets, and 2 pariah hamlets: 4157. High grounds for brick kilns: 1100. Ditto for small crops and grazing of cattle: 1980. Good arable lands for paddy, from which the Honorable Company and the husbandman enjoy revenues: 29794. Brackish lands, measured out to the lessee for 3000 Kuilen, but upon remeasurement found to be: 41550. Being surplus by which the lease of the brackish lands of this village was also benefited, a generous number of Kuilen: 11550. Counts together Kuilen: 84889. This village, according to earlier reports, is recorded to be solely: Kuilen 71149. Thus found in this village to the benefit of the Honorable Company in lands: Kuilen 13740. 2nd In the Honorable Company's village Boermadesiam, enclosed in that of Waddacoedie, whose boundaries are to be distinguished as aforementioned: In lands of the pagoda Isoerenkoil with its garden, house, tank, square, and Brahmins: Kuilen 3776. Good lands of the said pagoda or temple: 320. Houses, gardens, squares, streets, and tanks of the inhabitants, besides pariah hamlet: 2432. Brackish lands, measured out to the lessee for 2566 kuilen, and upon remeasurement found to be: 3731. Thus surplus to the benefit of the lease of the brackish lands: Kuilen 1165. Good arable lands for paddy, from which the Honorable Company and the husbandman draw revenues: 14610. Counts together Kuilen: 24869. This village is known by previous reports to be in size: 17921. Being found by the measurement more lands to the benefit of the Honorable Company in this village: Kuilen 6948. Thus generally in these six villages found surplus a considerable number of lands of Kuilen: 128633. The combined unavoidable expenses incurred during the measurement of these villages amount, according to the account of the Adigaar, or second surveyor, to: Pagodas 144. 11¾. Wherewith, hoping to have complied with the honored orders of Your Right Honorable, we take the honor to subscribe ourselves with the highest respect, underneath stood: Right Honorable Sir, lower: Your Right Honorable's most humble servants, in margin: Nagapatnam the 10th of September Anno 1776, was signed: Adam Godlob Henck sworn surveyor and Jacob Schuneman Adigaar of the villages. Whereupon:
Dutch transcription
Den 31: Augustus A„o 1776 P„r Transport Kuilen 214779. Dit Dorp staat volgens vroeger Rapport bekent groot „161576: te Lijn- . Des naar aftrek meerder ten voordeele der E: Compagnie bevondene Landeryen. . . Kuiler. . . 83203. 2„e Het Dorp 's E: Comp„s Dorp Boepatinasia poeran bij het selve kaartje N:o 1. met blauwe Lemiet schei„ „dingen afgeset houd in Aan Een heidens Tempel een Thuin genaamd Peer maalkoil en de gesaamentlyke huisen, Thuiner Fanken en straaten der ingeseetenen. . Kuilen 1390. „zilt of brak gronden den voor 1000. kuilen toege meelen, dog bij naameeting bevonden in te houden „ 1100 wes meerder ten voordeele der pagt der brakke gronden in dit Dorp Kuilen 100. goede Zaaij gronden voor Nelij daar de E: Comp„e van de Lantman inkomsten van geniet „17750. Tesaamen Kuile 20240. Dit Dorp staat volgens vroeger rapporten begroot „ 22657. Des een minderheid welk onderstellen dat hij bij de meerdere gronden van Paleoer moet sijn verstrooijt geraakt en niet meer door de Jngeseetenen te onderscheiden is kuilen, 2417. Die afgetrokken van de meerder bevondene gronden in't Dorp Palecer resteerd nog te over. . . kuilen 80796. B: De Landbouwers van het Dorp Paleoer zijn al meede bezaiers van dit Dorp. . Jn het 'sE: Comp„s Dorp Aijwelie en daarinne ver„ mengd Leggend Dorp Pallecadoe blijkens verselde kaart N„o 2. en wel 1„o Het eerst gem Dorp Aijwelie welkers Lemielen met rood afgeset en daar door van Pallecadoe te onder„ scheiden is, houd in Aan Huisen Thuinen Fanken straaten en =. kuilen 785. parrias Negerijen. - . „ Brak of silk gronden den pagter voor kl: 4970. toegemeeten edog bij naameeting b„ 7300. Des Meerder waarmeede de pagt der brak gronden bevoordeelt werd Kuilen 2330. „. goede Zaaijgronden van Nelij daar de E Comp„s en de Lantman geregtigheeden „17430 . Transporteere kuile 25515. 80796 verstrekt... op . „ 1 1. 728 419 Den 31. Augustus A„o 1776 P„r Transport kuilen 25515. 80796. An Een stuk zaaijland daar geregtigheeden van betaald werd. vorders legt in het Dorp wadde koedoe blykens Kaartje N„o 8. nog van dit Dorp verspreid als „ goede Zaayland der ingeseetene kuilen 7721. —. do _„ van de pagood. „ 1286. –. „ 154. —. Geld kuiten „ 9161: : Des tezaamen kuilen 35936. Dit Dorp staat volgens vroeger Rapporten beschreeve met - „ 21764. - Des meerder aan meest goede Zaaijlanden in dit Dorp Kuilen 1172. ƒ. bevonden voor d' E Comp„e -- . 2„ Het s' E Comp„s Dorp Pallecadoe in voorm Aijwelie ingeslooten Leggende, houdin Aan Een Heidense Tempels genaamd Iserenkoijl neevens -. kuilen 1288. Fhanken Thuin. „ 110. „ nog twee Heidense Tempels - - - „ Huisen Thuinen straaten en Tanken &„a. . . „ 5315. „brak gronden voor kleen gewas. „ 855. .- „ „ „ onbesaaybaar voor 't weyen der Beesten . 5225. en aan Morassen. - „ Het Terijn van het Revier. - - - „ 1560: . - „ brak gronden den Pagter voor kuilen 1845. toegemeeten edog bij naameeting bevonden in te houden. „ 2103. . . Des meerder dat ten voordeele van d' pagt der brak gronden van dit Dorp komt Kuilen 260. goede Zaaylanden van Nelij daar de E: Comp„e en den Landbouwer revenuen van trekt. „23284. Geld saame Kuilen 39742. Dit Dorp staat volgens vroeger Rapporten beschre „ 23765 „ven groot te zijn; Aldus meerder voor d' E Comp„e aan Landen bevonden kuil 15977. Jn het sE: Comp„s Dorp waddecoeddie en daarinne ver Spreid leggende Dorp Boermadesiam blykens annex kaart N„o 3. is bevonden 1„o Jn het Dorp waddacoe die welkers lemieten met geel af geset en van 't Dorp Barmadesiamte onderscheiden zijn dan gronden van de pagood Mariam kowil Rusthuis Thuin Tank bramine Huisen en voorpleen van Coenja kuilen 3065. 3: Transporteere kuilen 3065: 107945. Een Thuin. . .. Chittij.. „ 1260. Den 31. Augustus 3065: 107945 P„r Transport kuilen Aan Goede Zaayjlanden agter gem Rusthuis de Pagood toebehoorende - - „ 3243. „ Nog twee heidense Tempels met dies Thuinen fanken en annex brami „4157. „neese Hluisen en verdere Thuinen straaten en 2 parrias Negerijen Hooge Gronden voor steenbranderyen. - „1100. „1980. . . „ _„o voor kleen gewas,e weijen vat vee . goede Zaaij: gronden voor Nelij waard'E Comp„s en de Lantman „ 29794. inkomsten van geniet- „ Brakgronden den Pagter voor Kuilen 3000. toegemeeten dog bij nameeling bevonden„ 41550 wes meerder daar de pagt de brakke gronden van dit Dorp meede bevoordeelt werd een ruim getal Kuilen 11550. Teld saamen Kuilen 84889. Dit Dorp staat volgens vroeger Rapporten beschreeven groot 71149 - ƒ 0 te moeten sijn eeniglijk kuilen.. . Desten voordeele der E. Comp„e in dit Dorp aan Landen bevonden kuit. 13740. 2„e Jn't 's E Comp„s Dorp Boermadesiam Jngeslooten in dat van wadda coedie welkers Limiten als voorm te onderscheiden zijn Ag gronden van d' Pag Isoerenkoil met dies Thuin, Hluis, Jank plijn en Bram: keu: 3776. „ goede gronden van gem Pagood of Tempel. . . . . „ 320. „Huisen Thuinen plijnen straaten, en Tanken der Jngeseetenen ned„s parrias nogerij „2432. „ brakgronden der pagter kuilen 2566 toegemeeten en by nameeting bevonden 3731. Aldus meerder ten voordeele der pagt aer brak gronden ruil: 1165. „ goede Zaaij gronden van Nelij daar d E: Comp„e en de Sant „ 14610 man inkomsten van trekt. Teldsaamen Kuile 24869. Dit Dorp staat by de voorige Rapporten bekent groot te sy 17921. wes door de meeting meerder ten voordeele der E Comp„e aan Landen „ 6948. in dit Dorp bevonden kuilen- Des generaliter in deese ses Dorpen meerder bevonden een mer„ „kelijk getal Lands van Kuilen- „128633 De gesaamentlyke onvermeedelijk gevallene ongelden bij het meelen deeser Dorpen, beloopen by Reekening van den Adigaar, of tweede Teekenaar pr/o 144. 11¾. Waarmeede verhoope aan d' g'Eerde ordres van UwelEdele gestrenge voldaan te hebben aanmaatigen wy ons de Eere om met de meeste agting te onderschryven /:onderstond/ wel Edele gestr Heer /:laager/ UwelEd: Gestr: aller onderdaanigste Dienaaren. / in Margine:/ Nagapatnam den 10. ' September A„o 1776:/ was geteekend/ A„m G„s Henck gesw: Land„s e J„b Schuneman Adi: Der Dorp„ Waarop - :
English
The 31st of August Anno 1776. and resolution to offer a copy hereof together with the maps to Their High Excellencies. Whereupon, after reading, it was approved and agreed to offer the aforesaid report in copy to Their High Excellencies, together with the maps drawn up by the aforementioned surveyor of those six measured villages, and to note from this herewith that the brackish land in the aforesaid six villages amounts to 80,706 pits, or 19,965 pits more than was previously allocated to the renter of the brackish lands. By the Honorable Head Administrator, a memorandum was exhibited at the meeting showing which servants, both here and at our subordinate factories, have hitherto neglected to provide proper security for their past or present services, being of the following content: Memorandum of the persons who, on account of the administrations previously held by them, and those who still function therein, must provide securities; namely: The Honorable H: A: Johnson, as former Head Administrator, instead of the deceased Bookkeeper P. C. Muratel Ditto J: Appengh, as Dispenser, for the deceased Minister C: W: Gebhard The 31st of August Anno 1776. The Honorable E. Gregoor, as Overseer of the Armory, for Military Captain Christiaan Kahte, who departed for Batavia. Ditto H: Scoffier, as Secunde at Palleacatta, for the deceased Junior Merchant J: Dumon. Ditto D: Vrijmoet, as former Chief at Palicol, for the deceased Jan Onstee. The deceased Chief at Palicol, Casper Theodorus Pfeisser, for the same aforementioned service. The Honorable S. Mossel, as former Overseer of Works, for H. A. Johnson, who was called to Batavia. Ditto J: Simons, as President at Portonovo. Ditto H: A. Johnson, as former Chief at Paliacatta. Ditto M: P: J: De Neijs, as Secunde at Jaggernaijkpoeram. Ditto G: F: J: De Ravallet, as Secunde at Sadraspatnam. Ditto M: Stoffenberg, as Master of Funds. Ditto A: G: Henck, as Overseer of Works. The 31st of August And what was decided thereon: To deposit the proceeds of Pfeisser's estate into the treasury as security. Election of Swart as Deacon. Thus it was approved and agreed to order all the aforementioned persons by extract hereof to provide the aforementioned securities, in so far as it shall concern each of them, within the period of six weeks calculated from the day of receipt, under penalty that the negligent shall forfeit a fine of 25 Pagodas for the benefit of the orphanage. However, with regard to the security of the former, deceased Chief of Palicol, Casper Theodorus Pfeisser, for the said service, the amount thereof shall be deposited into the treasury from the proceeds of his estate as security for the Company, and he shall be credited for this amount in the trade books, where he already has a separate account. Furthermore, upon the proposal of the Governor, it was approved and agreed to discharge the first clerk of Policy and Secretary of Justice here, Johannes Abraham Bronsveld, who has already long served his time as deacon in the Reformed Church here, from the further performance of this service, and in his place to appoint once again as deacon the Pay Transferrer Jacobus Wilhelmus Swart. The 31st of August Anno 1776. Appointment of the clerks Wenger and Beggle as sworn clerks. Upon the humble request made by the Secretary of this meeting to the Governor, and presented by His Honor to the Honorable Members, namely that a sworn clerk might be assigned to him for copying the secret work, and that the number of sworn clerks at the Secretariat might be increased by one more person, as they are extremely needed, it was approved and agreed, while promoting them to Bookkeepers at 30 guilders per month, to appoint as sworn clerks the Absolute Assistant Frans Hendrik Wenger and the Clerk Leonaard Beggle, the former to serve under the Secretary and the latter to serve at the Secretariat. The 31st of August Anno 1776. and 3 Boys into Service. Deliberation on the minutes from Their High Excellencies' general letter of the 13th of May. Admission of 4 soldiers. Furthermore, it was approved and agreed to admit into the Company's service as soldiers at 9 guilders per month: Reinier and Dirk Beijster, Abraham Cornelis Hessing, and Felix Jans, to be placed among the garrison here. Likewise, as boys: Marten Christiaan van Staveren, Wilhelmus Christoffel Knassen, and Jan Hendrik Salter; the first two at 7 guilders and the latter at 5 guilders per month, but all under the ordinary contract starting on the first of September. After this, the Governor produced at the meeting the minutes excerpted by order of His Honor from the highly revered general dispatch recently received from Batavia with the return ship the Princes of Orange.
Dutch transcription
729 425. — Den 31. Augustus A„o 1776. en besluit een Copij hier van nee„ vens de kaarten Hl: H: Ed„s aan te bieden G Waarop, na lectuure is goedgevonden en ver„ „staan, het voorsz: Rapport Haar Hoog Edelheedens in Copia aan te bieden neevens de kaarten door opgemelden Landmeeter van die zes gemeeten Dorpen geformeerd, en daaruit bij deesen te notee„ „ven, dat de brake in de voorsz: zes Dorpen in 80706. -. kuilen of 19965. –. kuilen meerder dan aan den Pagter van de brakke gronden bevoorens was toegemeeten.— Door den E: Hoofd. administrateur is ter vergadering g'exhibeerd een Notitie, waar bij wordt aan„ „getoond, welke dienaaren, zoo hier als op onse onder„ „ hoorige Facterijen, tot nog toe versuimd hebben, voor hunne gehad hebbende, dan wel presente diensten behoorlyk borg te stellen, zijnde deselve van den volgende inhout. — Notitie van de persoonen welke door de onder hun gehad hebbende administratien, en die welke daarin nog fungeeren borgen moeten stellen; Namentlijk D' Heer H: A: Johnson als gew: Hoofd ad„ ministrateur in steede van den over„ 1 „leedenen Boekhouder P. C. Muratel _„o J: Appengh als Dispensier, voor den over leedenen Predicant C: W: Gebhard 2E: 27 7 1 3 Den 31. Augustus A„o 176. D' Heer E Gregoor, als op suender der Waapen ka„ mer voor den na Batavia vertrokene Capi teijn Militair Christiaan Kahte. — _„o H: Scoffier als secunde te Palleacatta voor den overleeden onderkoopman J: Dumon — _„o D: Vrij moet als gew: operhoofd te Palicol voor den overleedenen Jan Onstee. — den overleedene opperhoofd te Palicol Casper The„ odrus Pfeisser voor evengem: dienst D' Heer S. Mossel als gew: opsiender der werken voor den na Batavia geroepene H. A. Johnson.— _„o J: Simons als President te Portonovo. — D„o H: A. Cohnson als gew: opehoofd te Pa„ liacatta. — D„o M: P: J: De eijs, als secunde te Jagger „naijkpoeram. — _„o G: F: J: De Ravallet als secunde te Sadraspatnam. — _„o M: Stoffenberg als vondirmeester: — d„o A G: Henck als op sinder den werken. — Zoo 9 N 42 2/5. Den 31e Augustus En wat daar op beslooten is, Het brovenu van Effeissen boedel tot souriteit in Casse te namptiseeren Electie van swarts tol Diacon Zoo is goedgevonden en verstaan, aan alle de op gemelde persoonen bij Extract deeses te gelasten, om binnen den tijd van zes weeken gereekend van den dag des ontvangst, de opgemelde borglogten, voor zoo ver dit een ieder van hun zal aangaan, te stellen, sub pane dat de nalaatige verbeuren zullen eene boete van 25. Pag: ten behoeve van het weeshuis Dog ten aansien van de borgtogt van het geweesen overleeden opperhoofd van Palicol, Jasper Theodorus Pfeisser voor gem dienst; zal het be„ draagen der selve uit het provenu zijnes Boe„ dels tot securiteit der Comp„e in kasse genamptiseerd en hij wegens dit bedraagen bij de Negotie- boeken, waar bij hij reeds eene apparte reekening heeft ge„ „crediteerd worden voorts is op de propositie van den Heer gouverneur, goedgevonden en verstaan, den eers„ ten klerk van Politie en secretaris van Justitie alhier Johannes Abraham Bronsveld die zij nen. 730 kent: Den 31. Augustus A„o 176., Aan stelling van de pennisten wer„ gen en Beigle tot gesw: Cercq: „nen tijd als diacon in de gereformeerde kerk alhier reeds lange heeft uit gediend, van het verder waarneemen deese dienst te ontslaan en wederom in desselvs plaat „se tot diacon aantestellen den soldij overdraager Jacobus Willelmus Swart; Op het nedrig versoek door den secretaris deeser vergaderinge aan den Heer Gouverneur ge„ „daan, en door sijn Edele aan de E: Leeden voorge„ „draagen, naamelijk, dat hem tot het Copieeren van het secreete werk een geswooren Clercq mogt worden toegevoegt, mitsgaders dat het getal der geswoore klerken, ter Secretarije met nog een persoon mogt worden vermeerderd, als er ten uittersten benoodigd sijnde, is goedgevonden en verstaan onder bevordering tot Boekhouders met ƒ30. –. ter maand tot geswoore Clercqen aan te stellen den Absolut Assistent Trans. Hendrik Wenger en den Pennist Leonaard Beggle, den eersten, om bij den secretaris en den laasten om op het secretary dienst te doen 731 425. Den 31 ' Augustus A„o 1776. / doen. en 2 Jongaus in Dienst; besorgne over de notulen uit H: H: Ed„s gemeene brief van de 13: Mait:, Wijders is goedgevonden en verstaan voor soldaa, admissevan e solaten „ten met ƒ9. –. ter maand in Comp„s dienst te admit„ „teeren Reinier, en Dirk Beijster, Abraham Cornelis Hessing en Felix Jans, om onder het garnisoen alhier geplaats te worden Desgelijks voor Jongens Marten Christiaan van staveren, Wilhelmus Christoffel Knassen, en Jan Hendrik Salter; de twee eerste met ƒ 7. -. en den laasten met ƒ 5. –. ter maand dog alle op het ordinaire verband ingaande met primo September Hierna heeft den Heer Gouverneur ter vergaderinge geproduceerd de Notulen op ordre van sijn Edele gexcerpeerd uit den Jongst met het retour schip de Princes van orange van Bata „via ontvange seer gevenereerde gemeene Mis„ sive „
English
The 31st of August Anno 1776 Decision to communicate to Their High Mightinesses when the ships have arrived here, and also the receipt of various letters. Reasons why those ships were not dispatched to the North. Written by Their High Mightinesses on the 5th of May of this year to the Lord Governor and Council here, in order to draft a fitting reply thereto, having proceeded to the deliberation thereof, it was initially Understood, with relation to ships and vessels, to communicate to Their High Mightinesses the arrival here of the return ship the Princes van Orange on the 19th of June, and of the opposite ship, the Wakkerheid, on the 30th of this month, together with the receipt thereby of Their High Mightinesses' original and duplicate missive of the 3rd of May last. Likewise it was understood to notify Their High Mightinesses of the receipt here on the 6th of this month of Their High Mightinesses' circular letter of the 28th of December 1775. Furthermore, with regard to the renewed orders concerning the dispatch of a return vessel, which this year, for reasons noted in today's resolution, could not be complied with, it was approved and understood respectfully to present to Their High Mightinesses the aforesaid reasons which moved the government to the detention of the return ship, the Princes van Orange, and the opposite ship, the Wakkerheid, in the hope that Their High Mightinesses, being satisfied therewith, will be pleased to approve this course of action. To thank Their High Mightinesses for the newly made arrangement regarding the bottom cargo of the return ship. Also to submit that the quantity of pepper is too small. In the aforementioned ship the Princes van Orange, there having been shipped as a bottom cargo 200,000 instead of the usual 100,000 lb of stones, and 100,000 in place of the 200,000 lb of coffee beans, as well as 30,000 rd:s of sappanwood for stowage and 150,000 rd:s of pepper to cover the linen bales, it was approved and understood humbly to thank Their High Mightinesses for this new arrangement, yet nevertheless respectfully to present to Their High Mightinesses that the quantity of pepper is somewhat too small, as therewith, according to the custom of previous years, the middle layers of bales cannot be covered, since one will certainly need the same for the covering of the bottom and top layers; and with that instance also to urge that henceforth the quantity of pepper for a return vessel be fixed at 200,000 or 250,000 lb, according as the stock shall permit this. Continuation. Decision to make the examination of the ship's journal a permanent rule. And to offer the same along with the judicial report to Their High Mightinesses. That the journals kept here by the officers of the ships Vredelust and the Both, both of which had made a long voyage, had for that reason been caused to be examined by judicial members, having been approved by Their High Mightinesses and at the same time ordered to be done always on such occasions, it was not only understood to let this order serve as a permanent rule for the future, but also always to offer to Their High Mightinesses, alongside the judicial report, a copy of the ship's journal. To express thanks for the communication why in the past year no ship along this coast was sent to Bengal. Decision to send the bark the Arend to Batavia. Furthermore, it was understood humbly to thank Their High Mightinesses for the provided communication of the reasons which prevented a ship from Bengal being dispatched along this coast in the past year, and at the same time to assure Their High Mightinesses that upon the arrival here of a ship from Europe for that destination, one will strictly observe regarding its speedy dispatch to the Ganges what Their High Mightinesses were pleased to order in this regard in anno passato. Pursuant to the concession obtained, it was approved and understood to send back the bark the Arend to the Indian headquarters as soon as it shall have been repaired of its defects at Tuticorin and has arrived here, in order thereby to rid this government of the only useless and at the same time most expensive vessel that is kept on hand here, and to reduce as much as possible that excessive expense, namely the account of costs of sloops and lesser vessels. What will be replied regarding the quality of the linens. And having arrived herewith at the principal item of the linen trade, with regard to the remark of the High Government that it had been Their High Mightinesses' annual recommendation to handle the same with all attentiveness, especially since the Lords Majors continually complained about the little accuracy that took place in that regard, it was approved and understood respectfully to reply that, whereas it is trusted that the collection of linens on this coast is handled with all possible attentiveness and accuracy, it is also assumed for certain that the Lords Majors, upon the receipt and examination of the cloths in Europe, have found and will find from year to year a notable improvement, especially regarding Jaggernaijkpoeram and Palicol cloths, which since the introduction of re-sorting
Dutch transcription
Den 31. ' Augustus A:o 1776 besluit Hoog deselve te Communi seeren wanneer de scheepen hier geariveerd sijn, en ook de raceptie van diveise brieven Reedenen waarom die scheepen niet na de Noond gedepecheerd sijn „sive door Haar Hoog- Edelheden op den 5. Maij deeses. Jaars aan den Heer gouverneur en Raad alhier ge„ „schreeven, ten einde daarop eene gepaste rescripte te beraamen zoo is, daar over ter besorgne getreeden weesende aanvangkelyk Met relatie tot scheepen en vaartuigen ver„ staan, Hoog deselve te Communiceeren de arrive al„ „hier van het retour schip de Princes van orange, op den 19. ' Juni; en van het Contra schip, de wak„ „kerheid op den 30: ' deeser, mitsgaders de receptie daarmeede van Haar Hoog Edelens origineele en Duplicaat Missive van aen 3: Mai laasleeden. Desgelyks is verstaan Haar Hoog-Edelens te bedeelen den ontvangst alhier op den 6. ' dee„ „ser van Hoog- derselver Circulaire brief van den 28. ' xber: 1775. voorts is ten aansien aan de weder ge„ renoveerde ordres betrekkelijk tot de depeche van een retour bodem, waar aan men van dit 6 427. 732 Den 31. Augustus A„o 1776/. H: H: Ed„s te bedanken voor de gemaak te nieuwe schekking, wegens de onder laag van het reteur schip rog voortedragen dat de quantiteit van de boeterte garinig is, dit Jaar om reedenen ter Resolutie van heden genoteerd, niet heeft kunnen voldoen, goedgevon„ „den en verstaan de voorsz: redenen die de Regee„ „ring bewogen hebben, tot de aanhouding van het retour schip, de Princes van orange en het Contra- Schip, de wakkerheid, Hoog deselven eerbiedig voor te draagen, in hoope, dat Haar Hoog-Edelheden daarmede genoegen neemen„ „de deese behandeling zullen gelieven goed te keuren Jn het opgemelde schip de Princes van orange tot een onderlaag afgescheept zijnde 20'0'000. -. in stede van de gewoone 100000: —. lb steenen en 100000 in plaatse van de 200000. -. lb koffij boonen, mitsgaders nog 30000 rd:s Caffan hout tot stuagie en 150000. -. rd:s Peper tot bestorting van de Lijwaat pakken zoo is goedgevonden en verstaan, wegens deese nieuwe schikking Haar Hoog- Edelheden nede„ rig te bedanken, dog egter Hoog- deselven eer biedig voor te draagen, dat de quantiteit der Peper Den 31:' Augustus A:o 176/. vervolg besluit het Examineeren van het scheeps Journaal tot een perma nente wet te laatse trekken En het selve nev„s het Justitieel rapport Hoog deselven aantebieden, Peper wat te gering is, alsoo daarmede volgens voor„ Jaarige gewoonte de midaelste laagen pakken niet sullen kunnen worden bestort, wijl men de„ selve wel sal van nooden hebben, tot het bestor„ „ten van de benedenste en bovenste laagen met En met welkeinstantie voort instantie teffens, om voortaan de quantiteit der Peper voor eene retour bodem op 20000. of die 250000. –. lb. , na dat aen voorraad dit permitteeren zal, te bepaalen Dat men alhier de gehoudene joumaa„ „len door de overheden van de scheepen vredelust en de Both welke beide eene lange reise gedaan hadden, om die reeden door Justitieele Leden hadt laaten examineeren door Haar Hoog Edelhedens geapprobeerd en teffens geordonneerd geworden zijnde, om dit altoos bij dier gelijke gelegenheden te laaten doen. zoo is niet al, „leen verstaan, sig dit beveel tot een permanen„ „te wet te laaten strekken voor het vervolg, maar ook altoos nevens het Justitieel Rapport Hoog deselven Copia van het scheeps- Journaal aan waarrem, 129 733 Den 31:' Augustus A„o 1776 nicatie waarom in A„o p„r geen schil langs deese Custe na bengaed aij besluit de bark den Arendra Batavia te senden aan te bieden voorts is verstaan Haar Hoog-Edelens Dank te betuigen voor de Coumau„ nedrig te bedanken voor de gegeevene Commune, gesonden was, catie van de reedenen die belet hebben, dat er in het gepasseerde Jaar geen schip van Bengale langs deese kust is afgesonden, en teffens Hoog- deselve te verseekeren dat men bij arrivement alhier van een schip uit Curo bo aptmasi aene wan en e „pa voor die directe, omtrent zijne spoedige de „peche naar de gangens stiptelijk in agt sal neemen, het geene Hoog- deselve dierwegens in anno passato gelieven te beveelen Jngevolge bekome Concessie is goedge„ „vonden en verstaan, de Bark de Arend, soo dra die van sijne gebreeken op Tutucorijn her„ steld en alhier zal gearriveerd weesen naar Jndiasch Hoofd-plaatse te rug te senden ten einde daar door dit gouvernement van het eenigste onnutte en teffens kostbaarste taartuig dat men alhier aan handen heeft, en waarom te Den 31. ' Augustus A„o 1776. wat de eete gestelt houd der lijwaa ten rosciebeeren sal te bevrijden, tot vermindering, zoo veel mogelijk van dien exessive lastpost, namelijk de Rekening van onkomsten van sloeppen en mindere vaartuigen En hiermede genaderd zynde tot het voornaam articul van den Lijwaat handel, is ten aansien van de remarque der Hooge Regeering, dat het Jaarlijks Hoog derselver aanbeveling geweest was om deselve met alle oplettenheid te behandelen, voor „al daar de Heeren Majores steeds doleerden over de wynige accuratesse, die daar omtrent plaats hadt V goedgevonden en verstaan eerbiedig te rescribeeren, dat dewijl gelijk men vertrouwt den insaam van lijwaaten ter deeser Custe met alle mogelijke oplet„ „tendheid en accuratesse behandelt wordt, men ook voor seeker verondersteld, dat de Heeren Majores bij den ontvangst en examinatie der doeken in Europa, van Jaar tot Jaar eene merkelyke verbe„ „tering bevonden hebben en bevinden; zullen insonderheid omtrent Jaggernaijkpoeramsche en Palicolsche doeken, die sedert het invoeren der hensortatie
English
494 431 734 The 31st August Anno 1776. in the sorting of piece goods to serve as guidance resorting have much increased in quality, as Your High Excellencies, High Respected, have already been pleased to note in the Extract of the Patriarchal Demand for Returns dated Amsterdam the 10th October Anno 1775, with the assurance at the same time that, in accordance with the obligations, one shall endeavor to proceed on that footing, in the hope of thereby shortly obtaining the satisfaction of the Superior Gentlemen and Your High Excellencies concerning this principal article of the Company's trade on this coast. Regarding the order introduced here to let all the rejected cloths be sold for what they are worth, to the end that the lower yield than 50 per cent advance be made good by the collectors, which profit was judged somewhat too excessive by Your High Excellencies and consequently ordered to be diminished to 25 per cent advance for the Company, it has been resolved henceforth to let this regulation serve as guidance. Concerning their High remark on the The 31st August Anno 1776. on the remark of Their High Excellencies, regarding the non-fulfillment of the demands, to answer that one is constantly mindful thereof, assuring a desired result this year. Except Palicol. fear that before October nothing will come in for that Company. the incomplete fulfillment of the demands in the previous year and the attached wish that one might fix double attention on this principal branch of the Company's trade, it has been resolved, with respect, to answer that one has always been observant in that regard, and spared no admonitions to arouse the respective chiefs and alongside them the merchants to their duty in this; further giving to know that the same have finally appeared to be of that desired effect this year, so that one dares in advance to assure Your High Excellencies of a complete fulfillment of the entire demand, both here and at all the subordinate factories, with the exception however of Palleacatta. Yet with regard to this office, from which it is to be feared that nothing will come in for dispatch before the month of October, it has been resolved, while expressing the utmost regret of this Council, reverently to show their High that this disadvantageous state of the linen 445. 433. 735 The 31st August Anno 1776. attributing the same to the obstinate conduct of Johnson. Circular order to the offices to fulfill the demands completely. on the removal of Mr. Sadler from his post. linen procurement is mainly to be attributed to the obstinate conduct of the recalled chief Johnson, citing at the same time all that relates to that matter, which is fully described in the Resolutions of the 11th March of this year. Furthermore, according to their High desire, it has been resolved to write circular letters to the respective chiefs that, on pain of the highest indignation of Your High Excellencies, they will have to apply themselves to the end that the demands are completely fulfilled, with the setting aside of all self-interest in that regard; or that, in default thereof, they will be required to give well-founded reasons for their non-fulfillment, in order that it may be further judged thereupon by their High. Meanwhile, on the testified expectation of the High Government that the inquiry made into the uncivil conduct of the English chief Sadler would produce some favorable effect on The 31st August Anno 1776. and of what good effect that is, for the satisfaction derived from inserting that list of the remaining packs, their High are to be thanked. shall do. on our collection, it has been resolved to communicate to their High that he has already been removed from his post and summoned to Madras, as well as that since then the affairs of the Company at Palicol and thereabouts have so changed for the better that Chief Accama dares to flatter himself with getting the whole petition for the year 1776 fulfilled, and thereby significantly reducing the arrears of the merchants. Further, it has been resolved humbly to thank Your High Excellencies for the pleasure taken regarding the Note that was inserted in the latest general rescription of all the bales that remained lying both here and at the subordinate offices after the departure of the ships, with the promise to do so yearly, along with the assurance that, according to their High desire, one will yearly insert a similar paper when making the general report. On the desired information from Your High Excellencies 435 736 The 31st August Anno 1776. Excellencies, whether each of the Jaggernaikpoeram merchants had properly provided security according to the order, it has been resolved to reply that, upon the command on that account sent from here to Jaggernaikpoeram, the chiefs answered by letter of the 16th February, with which they at the same time submitted the concluded linen contracts, that those traders were all provided with sufficient guarantors; as well as that in concluding the contracts they had not failed to put before those merchants in the strongest terms the recommendations of the Gentlemen Majors and those of Your High Excellencies on this subject; and that the latter had thereupon promised to use all diligence toward a complete fulfillment of the whole demand in good weave, provided only that they might have the good fortune that peace and quiet continue in the land, and they were not disturbed in the collection by our competitors.
Dutch transcription
494 431 734 Den 31:' Augustus A„o 176/ int schot lijw: tot norigt te laaten strekken hersortatie zeer in deugd zijn toegenoomen, gelijk Haar Hoog Edele, Hoog- Agtb: reeds hebben gelieven aan te merken bij Extract Patriaschen Eysch van Re„ „touren ged„t Amsterdam den 10. 8b„r A„o 1775. onder versekering teffens, dat men volgens gehoude „nissen, op dien voet zal tragten voort te vaaren, in hoope, van daar door eerlang zullen obtineeren het genoegen der Heeren supperieuren en Haar Hoog-Edelens omtrent dit voornaame articul van Comp„s handel ter deeser kuste Omtrent de hier ingevoerde ordre, om alle Hlet gedanueere as vans op de de uitgeschoten doeken voor het geldende te laa„ „ten verkoopen, ten einde het minder rendement dan 50. - peCcent wvans door de insamelaars vergoed „te worden, die winst door Haar Hoog Edelens wat te excessief geoordeeld en dienvolgende gelast zyn„ „de deselve tot op 25. –. prCcent avans voor de Comp„e te diminueeren, zoo is verstaan zig deese bepaa„ ling voortaan tot narigt te laaten setreken Nopens hoog derselver remarque wegens de Den 31:' Augustus Ao 176. E op de remarque H. H:bd: , no p„s de non voldoening der bijsschen, te antwoorden, dat men steeds daar op verdagt is, verseekerende een gewenschte op ratie in dit Jaar Epeptie Salleacatta. —, vreese dat voor 8ber: op dat Comp„e niets inkomen sal a„ de in Compleete voldoening der Eysschen in het voorige Jaar en bijgevoegden wensch dat men ovp deesen voor„ „naamen tak van Comp„s handel een dubbelden aan„ „dagt vestigen mogt, is verstaan met eerbied, te ant woorden, dat men daaromtrent altoos oper lettend ge„ „weest is, en geene adhortatien gespaard heeft, om de respective opperhoofden en nevens hun de kooplieden in deesen tot hunnen pligt op te wekken; onder te ken„ „negevring verder, dat deselven eindelijk in dit Jaar van die gewenschte operatie schynen geweest te sijn, dat men Haar Hoog-Edelhedens bij voorraad durft versekeren, van eene Compleete voldoening van den ganschen Eysch; zoo hier, als op alle de onderhoorige Factorijen, met uitsondering egter van Palleacatta Dog ten aansien van dit Comptoir, waar van het te vreesen sij, dat'er niets voor de maand October ter versending zal inkomen, is verstaan, onder betuiging van het uiterste leedwees en deeses Raads, Hoog- deselve reverentelijk te vertoonen, dat die nadeelige gesteldheid der Lij- waaten 445. 433- 735 Den 31:' Augustus A:o 1776 toeschryving van het selve aan het eigen sinnig gedrag van Johnson Circuliere ordre na de Comptoire om de Eysschen Compleet te voldoen van de ligling van M„r Patler uit sijn post „waat procure voornamelijk toe schrijven zij aan het eigensinnig gedrag van het opgerorpen opperhoofd Johnson, onder aanhaaling teffens van al het geene tot die male„ „rie relatie heeft, en breedvoerig beschreeven is ter Resolutien van den 11. Maart deeses Jaars voorts is, naar Hoog- deselver begeerte, ver„ staan, de respective opperhoofden Circulier aan te schrij„ „ven, dat zij op peene van Haar Hoog-Edelens hoogs„ „te indignatie zig zullen hebben te bevlijtigen, dat de Eijsschen Compleet voldaan worden, met post po„ „sitie daar omtrent van alle eigen belang; of dat zij bij faute, van dien gehouden sullen weesen gegronde redenen te geven van dies non voldoening ten einde daar over, door Hoog deselve nader sal kunnen geoordeeld worden. Jntusschen is verstaan, op de beleugde ver„ Commnriatie aan H: H:Ed„s „wagting der Hooge Regeering, dat het gedaane ondersoek na het inciviel gedrag van het Engelsch opperhoofd Satter, eenige favorabele uitwerking, op 2 Den 31 Augustus A:o 176 En van welke goede uit werking sulks is, voor het genoegen in het Jnsereeren van die notitie der oververgeblevene pak: geschipt H: deseven dre bedanken sullen doen op onsen insaam zou geeven, Hoog deselve te Commu „niceeren, dat hij reeds uit sijnen post geligt en naar Maaras op ontboden is, mitsgaders, dat sedert de zaaken van de Comp„e op Palicol en daar omstreeks zodaanig ten goeden veranderd zijn, dat het opper„ „hoofd Accama zig vleijen durft van de gan, sche Petitie voor den Jaare 1776. voldaan te krij„ „gen, en daar door de agterstallen van de koop„ „lieden merkelijk te zullen vermindern wijders is verstaan Haar Hoog Ede„ „lens nedrig te bedanken, voor het geschept genoe„ „gen wegens de Notitie, die in de Jongste genera„ le Rescriptie geisereerd geweest is van alle de far „deelen, die na het vertrek der scheepen zoo hier als ^leggen op de onderhoorige Comptoiren zijn blijven ^ met versekering teffens dat men Jaarelijks naar Hoog- Het belofte sulks Jarlijtste derselver begeerte bij het doen van het generaale verslag een diergelijke Papier zal Jnsereeren Op de begeerte informatie van Haar Hoog Edelens „ 435 736 Den 31 Augustus A„o 176, Edelens, of een ieder van de Jaggernaijk poeramsche kooplieden behoorlijk borg gesteld hadt volgens de ordre, is verstaan te rescubeeren, dat op den last dierwegens van hier naar Jaggernaijkpoeram af „gesonden, door de opperhoofden bij brief van den 16. ' februari waarbij sij teffens de geslooten zij waat Contracten aan boden geantwoord is, dat die handelaaren alle gemunieerd waaren met suf „ficante borgen; mitsgaders dat sij bij het sluiter der Contracten, niet gemanqueerd hadden, die Marchandeurs op het allerkragtigste voor te hou „den de recommandatien der Heeren Majoores en die van Haar Hoog- Edelens op dit stuk; en dat deese daarop beloofd hadden alleen vlijt te zullen aanwenden tot eene Compleete voldoening van den ganschen Eysch in deugdsaam geweef, bij aldien zij het geluk maar mogten hebben dat de rust en vreede in het Land bleef Con„ tinueeren, en sij door onse Competiteuren in C den insaam niet geturbeerd wierden. — Bij . Jm 445 C:
English
The 31st August Anno 1776 It having been resolved by today's resolution to assign 200 lb. of Palleacatta for delivery out of the 2000 lb. of fine cotton yarn requisitioned for Europe in the demand recently received via Ceylon from Cormandel, in the trust that the new chief, upon the demonstrated displeasure of Their High Noble Lordships concerning the non-fulfillment of the 200 lbs of that yarn requested in the year 1771, will do everything possible to fulfill that delivery, it is agreed to give Their High Noble Lordships notice of this. — To comply with the resolution of this Table of 8 January of this year, whereby both warehouse masters, the merchant Seracules Mossel and junior merchant Jan Daniel Simons, were required to provide this government with a specific statement of what the coolie wages for carrying up and down, as well as rebinding the re-sorted linens would amount to if those cloths were charged directly with this and these charges were not written off to the account of merchandise expenses, they having now submitted a written report in this regard, clearly showing that everything that could possibly be charged to the re-sorted linens will amount to no more than 5/56 percent; it has been approved and agreed to present the aforesaid report among the appendices of the letter to be sent shortly to Their High Noble Lordships in the hope that Their High Nobles will be pleased to be satisfied with it; and meanwhile to insert the same here for consideration as follows: To the Right Honorable Sir Reijnier van Vlissingen, Governor and Director of the Coast of Cormandel and its dependencies, etc. etc., along with the Council. Right Honorable Sir and Gentlemen! In order to carry out the investigation that your Right Honorable requested and assigned to us concerning the report desired by Their High Noble Lordships the High Government on how much the coolie wages for carrying up and down, as well as rebinding the re-sorted bales would amount to if those linens were charged with this separately and not written off to merchandise expenses; with orders to provide a written report of our findings, we have taken as a basis the quantity and amount of the bales from the offices of Sadraspatnam, Palleacatte, Palicol, Jaggernaykpoeram, and Bimilipatnam, which were sent from here on three ships in the past year, and have formulated this humble report accordingly, as we have the honor to demonstrate distinctly below: Guineas in sort / Diverse linens / Amount accounted for 223 bales and chests of diverse linens from the aforesaid offices sent to Batavia per the ship Vredelust, of which: pkis 10 — ps 15 — f 157531. 16. 1. 339 do as above sent per the ship De Wakkerheid, of which: 239 — 100 — 195633. 14. 8. 372 do sent to the Netherlands per the ship De Both, namely: 153 ps and chests for Amsterdam, of which: 139 — 14 — 70046. 15. 15. 159 do do for Zeeland, of which: 43 — 110 — 85877. 10. —. 876 bales and chests, together pk 531 — pk 345 — f 509089. 16. 8. At 1 1/2 percent Nagapatnam merchandise expenses on the above f 509089. 16. 8. amount to f 7636. 7. —. Against this, the charges that actually fell upon those 876 bales and chests here amount to the following: For chialing wages, the equipment master brings to account, namely: 85 chialings at 3 fanams each, or 255 fanams for shipping 687 bales per the ship Vreedelust, thus comes for 225 bales to: ps 83. 42. —. 63 chialings or fanams 189 for 449 bales per the ship De Wakkerheid, thus for 339 do to: 142. 56. —. 130 chialings or fanams 390 for 1050 bales per the ship De Both, thus for 312 do to: 115. 72. —. The chialing wages for shipping out amount to fanams 342. 10. —. Suppose for those of bringing in also: 342. 10. —. Or together fanams 684. 20. —. Which is f 128. 6. —. Warehouse charges: For carrying up from the chialings to the warehouse 531 Guinea bales upon bringing in at 1 1/2 bales per fanam: fanams 354. —. —. Of 345 diverse linen bales at 3 bales per fanam: 115. —. —. The coolie wages for the aforesaid 876 bales upon bringing in amount to: fanams 469. —. —. Upon sending out also the same: 469. —. —. Carried forward: fanams 938. —. — / f 128. 6. — / f 7636. 7. —. Turn over
Dutch transcription
Den 31:' Augustus A„o 176 Bij de Resolutie van heden beslooten weesende om van de bij den Jongst over Ceilon ontvangen Eijsch gee van Cormandel voor Europa gepetitioneerde 2000. –. lb. fijn kattoen garen, 200: . lb: Palleacatta ten Leveran. „cie op te draagen, in vertrouwen dat het nieuwe opperhoofd op het betoond ongenoegen van Haar Hoog- Edelens over de non voldoening van de in anno 171. gevraagde 200 lb:s van dat gespin, alles aanwenden sal wat mogelijk is, om die Leveran„ tie te voldoen, zoo is verstaan hier van Haar Hoog Edelens Communicatie te geven. — Ter voldoening aan het besluit deeser Tafel van den 8. Januarij deeses Jaars, waarbij aan de beide Pakhuis meesters, den koopman Sera„ cules Mossel en onderkoopman Jan Dani „el Simons was gedemandeerd, om aan deese Regeering specificq op te geeven, wat het koelij „loon tot het op en afdraagen, mitsgaders weder in den band brengen der gehersorteerde Lijwaaten wel zoude komen te kosten, wanneer die kleeden daarmeede 28. 437 447 737 737 737 Den 31. . Augustus Ao 176. is beslooten het berigt der Pakkuis „meester dierw„s Hl: H: Ed„s aante bieden daar meede direct belast en die ongelden niet op de reekening van onkosten op koopmanschappen af„ geschreven wierden, tans door deselve dierwegens gediend zynde van schriftelijk berigt, waarbij duidelijk wordt aangetoond, dat al het geene wat maar eenigsins ten lasten der gehersonteer„ „de Lijwaaten zou kunnen worden gebragt niet meer als 5/5 6. p=rCent zal komen te impor„ teeren; zoo is goedgevonden en verstaan, het voorsz: Berigt onder de Bijlaagen van den eerstdaags aftegaanen brief Haar Hoog-Edel„ „hedens aan tebieden in hoope dat Hoog desel„ ve daarmede zullen gelieven genoegen te neemen; mitsgaders het selve ondertusschen susfertie van dat beruijt tot speculalie bij deesen te insereeren als volgt Aan den wel Edelen gestr: Heer Reijnier van Vlissingen Gouverneur en Directeur der Custe CCormandel met den resorte van dien &„a &„a nevens den Raad Wel Edele Gestr: Heer en Heeren! om de ondersoeking te volbrengen die uwel Edele gestr: aan. Den 31. Augustus A„o 1776., aan ons heeft gelieven te demandeeren en over tedraagen betreffende het door hun Hoog Edelens de Hooge Regeering begeerd berigt hoe veel de koelij-loonen tot het op en afdraagen, mitsg„s weder in den band brengen der gehersorteerde pakken wel zouden komen te beloopen wanneer die Lijwaaten daarmede afsonderlijk belast en niet op onkosten van koopmansz: afgeboekt wierden; met ordre om van onse bevinding te dienen van schriftelijk rapport, zoo hebben wij de quantiteit en het bedraagen der pakken van de Comptoiren Sadraspatnam, Palleacatte, Palicol Jaggernayk poeram, en Bimilipatnam, welken in anno pas„ „sato met drie scheepen van hier versonden zijn, tot een basis gelegd, en daarna dit onsnedrig berigt geformeerd, gelijk wij de Eere hebben hier onder distinct aantetoonen guineesen Diverse het aangereekend in zoort Lijwaaten bedraagen 223. –. pakken en kisten Ziverse Lijwaaten van voorm: Comptoiren per het schip vredelust naar Batavia versonden, pkis„t 10. —. p„/s 15. –. –. ƒ „ 157531. 16. 1. hiervan. 339. —. d„o . –. als boven p„r 't schip Dewakkerheid versonden hiervan. . „ 239. –. „ 100. –. –. „ 195633. 14. 8. _ o „ „ „ De Both naar Nederland versonden; 372. -. d„o. Namelijk. 153. —. p=rs. en kisten voor Amsterdam, waarvan. . . . „ 139. —. „ 14. –. –. „ 70046. 15. 15. 159. —. „ „ d„o „ Zeeland, . . „ „. . . „ 43. –. „ 110. —. „ 85877. 10. —. p=k en 531. –. p. k . 345. –. –. ƒ 509009. 16. 8. 876. –. pakken en kisten, Tezaamen . â. 1½. pl:t Nagapapatnamsche onkosten van koopmanschappen op bovenstaande ƒ509089. 16. 8. importeeren Daar in tegen beloopen de ongelden, welke op die 876. paken en kisten alhier reel gevallen zijn: het volgende; â. Chialeng- zoonen brengt de Equipagie meester op. Teweeten 85. –. Chialengen â. 3. fan„s ieder of 255. fan„s voor het afscheepen van 687. p=ken. . p„s 83. 42. —. p„r 't schip vreedelust, komt dus voor 225. p=ken. 63. –. Chalengen of fan„s 189. voor 449. p.=ken p„r 't schip de Wak„ „ 142. 56. –. kerheid, dus voor 339. d„os : 130. –. Chalengen of fan„s 390. voor 1050. p=ken. p„r't schip de Both „ 115. 72. —. dus voor 312. dos - De Chaleng- loonen van den afscheep bedraagen. . . . . fav„s - . 342. 10. —. stelle voor die van den aanbreng ook.. 342. 10. -. - of Tesamen f„s 684. 20. –. Dau wel - . ƒ 128. 6. —. Pakhuijs ongelden v„r het opdraagen uijt de Chialengen naar het pakhuijs van 531. guinees pakken bij aanbrengen a 1½. p=ken per fan.:m.. : fo 364. —. —. sterk van 345. diverse Lijwaat-pakken â 3. p=ken. p„r f„m - - „ 115. —: —. De koelij loonen van voorsz: 76. p=ken bij aanbreng f„o 469. –. –. . beloopen. . 2 --. „ 469. —. —. . . Bij versending ook soo. Transporteere. . fan ƒ 938. -. — ƒ 128. 6. —. ƒ 7636. 7. —. ƒ 7636. 7. -. verte