VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3556

Japan · 1,428 pages · 337 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3556_0478 view scan ↗

English

must proceed, one must also first of all make it felt by those Princes who have shown the greatest signs of ill will, and that in the event of good success those of Maba, Weda and Pattanij will naturally pass over to more moderate thoughts: thus the one and the other has been all the more necessary in the present circumstances of the times, although I would otherwise very gladly have dutifully complied with Your High Nobilities' revered order first to render an accurate report of everything to Your High Nobilities, in order to await a final disposition from it; but matters could not be directed that way, because all my efforts toward the avoidance of a public enmity were in all respects hindered and rendered fruitless by the obstinate, yet with feigned willingness concealed reluctance of the Courts of Tidor and Batchian, and the manifold complaints and clear signs of unfaithfulness toward the Company, successively received against them since the departure of the Bark Jaccatra to Batavia: as Your High Nobilities will clearly perceive from the accompanying Enclosures, under No. 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 15, 19, 20, and 22; and thus I found myself obliged to proceed to the aforementioned extremity. The ship Westfriesland, over which the skipper van der staal held command, and on which Ensign Eberhard was also commanded with a sergeant, a corporal, and 24 soldiers, reinforced by three Pantjallings and a well-armed Ternatean KorraKorra fleet, which had to enclose the entire Island of Tidor on all sides to prevent passage, was employed for the collection of the King and Crown Prince of that Realm, who, having arrived here with it, accompanied by the Junior Merchant Hemmekam and the principal dignitaries of the realm, on the 20th of the past month toward evening, were received into this Castle under the usual ceremonial, and immediately conducted into the meeting hall, whereupon, in the presence of the King of Ternate, the contents of Your High Nobilities' Rescript to the letters written by the first-mentioned Prince in the past year were first communicated to them in such manner as the accompanying copy under No. 23 indicates, since I then deemed it unnecessary to deliver to them Your High Nobilities' newly received own letter, which is now being returned, and it was also entirely inadvisable, indeed it would have been very imprudent of me, to send it beforehand to Tidor, whereby they would only have been brought into greater fear, and might then have been more incited to devise more harmful means against the Company than in the past year, as I am informed particularly occurred then, and moreover along that path they might perhaps have escaped the dance, with the thwarting of all my taken precautions and measures, among which was also the occupation of the passage to Maba, Weda, Patanij and the Papuans by a thousand Alfoors nearly half a month beforehand without cost to the Company, just as the dispatch of the aforementioned Korra Korra fleet to Tidor. And after there was also presented to the repeatedly mentioned princes the substance of the reports and other accounts received against them, and how, although invited hither more than once, or repeatedly, both by friendly letters and discreet commissioners, to conclude a firm peace with the King of Ternate, and to devise such forceful means as would be judged serviceable and necessary here for the countering and curbing of the public Enemy of the Company, they have managed to delay their appearance from time to time under all kinds of worthless pretexts, and thus render all our arrangements useless and fruitless, from which one must conclude, not without reason, that their delay had no other purpose than to wait for their Maguindanao Friends and Allies, whom they expected daily: so have they known nothing to answer in their justification to all these representations, and then made shift merely by saying that much was indeed charged against them, but nothing could be proven. This

Dutch transcription

„moet overgaan, men dezelven ook het allereerst moet laten „gevoelen die Vorsten, die de meeste blijken van kwaadge„ „zindheid hebben gegeven, en dat bij een goed succes die „ van Maba, Weda en Pattanij van zelfs wel tot „moderater gedagten zullen overgaan: zoo is het een en „ander in de presente tijdsomstandigheden des te noodza„ „„kelijker geweest, Schoon ik anders zeer gaarne aan uwer Hoog Edelheden gevenereerd bevel schuldpligtig zoude heb„ „ben voldaan, om eerst Hoogst derzelven van alles een naauw„ „keurig verslag te doen, ten einde daar uit eene dispositie ten finale af te wagten; maar de zaaken konden daarheen niet gedirigeert werden, wijl alle mijne pogingen ter vermijding van eene publieke vijandschap in allen deelen wierden ver„ „hinderd en vrugteloos gemaakt door den hardnekkigen dog met geveinsde bereidwilligheid verborgen onwil der Hoven van Tidor en Batchian, en de menigvuldige klagten en klaare blijken van ontrouwe Jegens de Compagnie, zedert het vertrek van de Bark Jaccatra naar Bata„ „ria successive tegen dezelven ingekomen: gelijk uwe Hoog Edelheden uit de dezen verzellende Bijlagen, sub No. 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 15, 19, 20, en 22. duidelijk zullen ontwaren; en dus heb ik mij verpligt gevon„ „den tot de voorzegde extremiteit te treden. y Het schip Westfriesland waar op de schipper van van der staal het gezag voerde en teffens den Vaandrig Eber„ „hard met een sergeant een Korporaal en 24:e Militairen gecommandeert was, versterkt van drie Pantjallings, en eene wel gearmeerde Ternaatsche KorraKorra Vloot, die het gansche Eiland Tidor van alle Kanten heeft moeten insluiten om de doortogt te beletten, is geëmploijeert tot den 7 afhaal van de Koning en Kroonprins van dat Rijk, wel„ „ke daar mede, verzeld van den Onderkoopman Hemme„ „kam en de voornaamste Rijksgrooten den 20:e der gepas„ „seerde maand tegens den avond alhier aangekomen, onder het gewoone Ceremonieel in dit Kasteel gerecipieert, en ter„ „stond in de vergaderzaal geconduiseert zijn, wanneer hun, in de tegenwoordigheid van den Koning van TTernaten, vooraf den inhoud van Uwer Hoog Edelheden. Rescrip„ „tie op de in den voorleden Jare door den eerstgemelden Vorst geschrevene brieven indiervoegen gecommuniceert is, als het nevensgaand afschrift onder N=o 23. aanwijst, vermits ik toen onnodig heb geagt hun ter hand te stellen uwer Hoog Edelheden jongst ontvangen eigen brief, die tans teruggaat, en het ook gansch niet raadzaam was, Ja zelfs zeer onvoorzigtig van mij zoude gedaan zijn denzelven bevorens naar Tidor te zenden, waar door ze maar in grooter vrees gebragt, en als dan meer aangezet konden werden tot het beramen van schadelijker middelen tegen de Compagnie, als in het gepasseerde Jaar, gelijk ik geinformeert ben dat toen bijzonderlijk geschied is, mitsgaders langs dienweg veelijt den 7 den dans zouden ontsprongen hebben, met verijdeling van alle mijne genomene voorzorge en maatregelen, onder welken ook is geweest het bezetten van de passagie naar Maba, weda, Patanij en de Papoeën door een duizend Alfoeren bijna een halve maand te voren buiten laste der Maatschap„ „pije, even als de depeche der voorschreven Korra Korra vloot naar Tidor En daar na den meergemelden vorsten teffens voorgehou„ „den zijnde het zaakelijke van de tegen hen ingekomene berig„ „ten en andere Relaasen, en hoe dat zij, schoon meer dan eens, of bij herhalingen, zo door vriendelijke brieven, als beschei„ „dene Gecommitteerden, herwaarts genodigd zijn tot het sluiten van eene vaste vrede met den Koning van Ternaten, en be„ „ramen van zoodanige kragtige middelen, als hier tot tegengang en beteugeling van den openbaren Vijand der Compagnie zou„ „den dienstig en noodzakelijk geoordeeld werden, onder aller„ „hande nietswaardige uitvligten hunne opkomst van tijd tot tijd hebben weeten te dilaijeren, en dus alle onze schikkin„ „gen onnut en vrugteloos te maken, waar uit men, niet zonder grond, moeten vast stellen, dat hun retardement niets anders ten doel hadt, als om op hunne Mangindanauw„ „sche Vrienden en Geallieerden te wagten, die zij dagelijks te gemoet zagen: zoo hebben dezelven op alle deze vertogen niets tot hunne Justificatie weeten te antwoorden, en zig toen maar behelpende met eenlijk te zeggen dat men hun wel veel ten laste leidde, maar niets bewijzen konde. Dit

NL-HaNA_1.04.02_3556_0481 view scan ↗

English

5. This hollow speech could nevertheless not dissuade me from the decision already taken beforehand against them and now carried out, and thus, after the dismissal of the assembly, with the customary ceremony, the King was escorted by commissioners to the house of the Commandant, and the Crown Prince to another house within this Castle, and shortly thereafter their arrest was announced to them by the Ensigns Roksien and Pelaton. The denial of everything, by the King as well as the Crown Prince, the Writer attributed largely to the presence of the King of Ternaten and the entire assembly, and truly he was in no mistaken conception in that regard, for two days later, when the King and Crown Prince appeared separately before him in the Government house, those Princes confessed that they were completely culpable of the misdeeds charged against them, for which reason they would also patiently submit to the punishment that might be imposed upon them; yet that they nevertheless hoped from the gentle form of government of the Company to obtain pardon and remission of their exhibited disobedience, in which case they would gladly surrender the Lands of Maba, Weda, Patanij, Gebe etc. in full ownership to the Company, and furthermore be declared vassals like the King of Ternaten, under the condition, however, that the Company would then also write off the King's debt in the sum of Rds 5688: 17:8, and increase his annual recognition money. I answered the propositions of both those Princes at that time only in general terms, out of conviction that they were merely fair-seeming promises made in distress, and that they never had the intention to fulfill the same, as made orally; but I declared at the same time that I preferred to have them in writing, which they also accepted, and a few days later they had delivered to me by the Junior Merchant Hemmekam the paper transmitted under No. 24, and translated under No. 18, upon which I also had a copy prepared by the Arabic scribe, and had their Highnesses sign it after its contents were once again clearly read to them, so that it might be kept here in case it should ever prove useful in the future, since I am firmly of the opinion that, upon the appointment of a new King, if the old one does not return, as is utterly necessary for the welfare of the Company and the tranquility of the Moluccas, the promises made in the aforementioned paper must be insisted upon, and no one should be elected except on the conditions made known therein, at which time I also deem it equitable that the recognition money of the Tidore Court be increased, if such advantages can be foreseen for the Company from the cession of those Lands as would compensate for the expenditure of the higher recognition, which must first be investigated. Though I felt pity for the old age of the King of Tidore, I was no less indignant at the fickleness of His Highness, and at the continuous shiftiness and scheming in which he still seemed to occupy himself, but which nevertheless continually came to light through strict surveillance, and I soon noticed that all those promises and proposals were made with no other intention than to lull me to sleep, and to bring about that he might merely be excused from the journey to Batavia, certainly thinking that once he was back on Tidore, he would not be caught in the trap so easily a second time. 6. Since it would now not be advisable at all to detain those two Princes, who are each lodged separately within this Castle and guarded by officers, yet otherwise treated according to their rank, though with all required precautions, for a long time and until a shipping opportunity arose, I deemed it necessary to have them transported as quickly as feasible in two different, well-manned vessels to the Indian Capital; just as, as already stated here before, the Crown Prince has also departed on the 17th of this month with the pantjallang the Ternaten, commanded by the second mate Jacob Martens, and the King is now crossing over with the private bark of the Burgher Captain Lieutenant Landauw, a very spacious and comfortable vessel. Both the bark and the pantjallang are properly provided with the necessary ammunition; the former manned with seventy-eight good seamen, among whom are a European and a Native Burgher as mates, to whom I have also added a third watch for greater precaution, while likewise a corporal and four common soldiers have been placed thereon, ostensibly for honor, but actually for the guarding of the King; but on the pantjallang, on the other hand, there are eighteen European seamen, which

Dutch transcription

5. Dit loos gezeg konde mij egter niet afleiden van het tegen hen reeds te voren genomen en nu volbragt besluit, en dus wier„ „den, na het scheiden van de vergadering, onder de gewoonelijke plegtigheid, de Koning naar het huis van den Commandant, en de Kroonprins naar een ander huis binnen dit Kasteel door gecommitteerden begeleid, en kort daar op door de Vaandrigs Roksien en Pelaton hun het arrest aangekondigd. De ontkentenis van alles, zo door den Koning, als Kroon „prins, schreef de Tekenaar veel toe aan de tegenwoordigheid van den Koning van Ternaten en de gansche vergadering, en waarlijk hij is dieswegens ook in geen verkeerd denkbeild ge„ „weest, want twee dagen daarna, toen de Koning en Kroonprins bij hem apart in het Gouvernement verschenen, beleden die Vorsten, dat te volkomen Culpabel aan de hun ten laste gelegde wanbedrijven waren, waarom zig ook aan de straffe, z die hen mogte opgelegd werden, geduldig zouden onderwerpen; dog datze egter van de zagte Regerings form der Compagnie ver„ „hoopten pardon en kwijtschelding hunner betoonde ongehoor„ „zaamheid te erlangen, als wanneer zij gaarne de Landen van Maba, weda, Patanij, Gebe enz: in vollen eigendom aan de Maatschappije wilden overgeven, en voorts als vasallen gelijk de Koning van Ternaten, verklaard werden, onder conditie nogtans dat de Compagnie dan des Konings debet ter somma van Rd„s 5688: 17:8. , ook zoude afschrijven en zijne jaarlijksche Recognitie vermeerderen. Ik beantwoorde de propositien van die beide Vorsten ter dier tijd niet anders, dan in generale termen, uit overtuiging dat het maar schoonschijnende en in den nood gedane beloften waren, en dusze nooit het voornemen hadden dezelven, als bij den Monde monde, natekomen; dog verklaarde teffens van die liever in ges„ „schrifte te willen hebben, 'twelk ze ook aannamen en mij eni„ „ge dagen daarna door den Onderkoopman Hemmekam het onder N:o 24. overgaand, en onder N:o 18. vertaald papier, lieten ter hand stellen, waar op ik nog een afschrift door den arabi„ „schen schrijver liet vervaardigen, en hunne Hoogheden, na dat hun dies inhoud: nogmaals distinct was voorgehouden, tekenen, ten einde alhier te werden aangehouden, of het zom„ „wijlen in het vervolg mogte te passe komen, dewijl ik volstrekt. van gevoelen ben dat, bij aanstelling van een nieuwen Koning, indien de oude, gelijk tot welzijn der Compagnie en rust der Mo„ „luccos ten uittersten nodig is, niet terugkoomt, op de bij voorschre„ „ren papier gedane beloften diend aangedrongen, en niemand dan op de daar bij bekend gestelde voorwaarden, geëlegeert te werden, wanneer ik het ook billyk oordeele dat de Recognitie penningen van het Tidorsche Hof werden vermeerderd, indien voor de Compagnie uit den afstand dier Landen zulke voordelen te voorzien zijn, welke de uitgave van de meerdere Recognitie konde vergoeden, 't geen eerst onderzogt diend te werden. Heb ik medelijden met den ouderdom van Tidors ko„ „ning gehad, ik ben niet minder verontwaardigd geweest over de veranderlijkheid van zijn Hoogheid, en over de gedurige drae„ „ijerijen en konkelarijen, waar mede hij zig nog zagt op te hou„ „den, maar die evenwel telkens door de genaauwe oppassing aan den dag kwamen, en merkte wel haast, dat alle die be„ „loften en voorslagen met geen ander oogmerk waren gedaan, als om mij in den slaap te wergen, en uittewerken dat hij maar 6: „1 maar van de reise naar Batavia wierde geexcuseert, zekerlijk denkende; dat zo hij weder eens op Tidore was, men hem voor de tweedemaal niet zoo gemakkelijk in de knip zoude krijgen. O Vermits het nu gansch met raatzaam zoude wezen die beide Vorsten, welke ieder afzonderlijk binnen dit Kasteel gelogeert, en door officieren bewaakt, dog overigens naar hun„ „nen staat, egter met alle vereischte pracautien, getracteert zijn, lange en tot eene scheepsgelegenheid aantehouden, heb ik nodig geagt dezelven zoo spoedig doenlijk met twee differen„ „te wel bemande vaartuigen naar de Indiasche Hoofdplaats te laten transporteren; zo als, gelijk hier voren al is gezegd, de Vroon„ „prins ook den 17: dezer reeds vertrokken is met de Pantjallang de Ternaten, gevoerd door den onderstuurman Jacob Martens, en de Koning tans overvaart met de particuliere Bark van den Burger Kapitein Luitenant Landauw, een zeer ruim en gemakkelijk vaartuig. Beide. zo wel de Bark als de Pantjalling zijn, behoor¬ „lijk voorzien van de nodige Amunitie; de eerste bemand met agt en seventig goede zeevarenden, waar onder een Europeesch en een Inlandsch Burger als stuurlieden zijn, bij welke ik teffens tot meerdere voorzigtigheid een Dorde„ „waak heb gevoegd, terwijl almede een Korporaal en vier gemee„ „ne Militairen daar op zijn geplaatst, quasi tot honneur, dog eigentlijk tot bewaking van den Koning; maar op de Pan„ „tjalling zijn daar en tegen agtien Europeesche zeevarenden, welk #

NL-HaNA_1.04.02_3556_0484 view scan ↗

English

which number was increased by me with twenty Ternatans, who were engaged in service for the permitted pay, because the Young King is a crafty and very intriguing rascal, who also does not lack courage, and who therefore would not have let the slightest opportunity slip by to save himself from our hands and escape, which thoughts, however, will certainly have vanished from him as soon as he saw that he was being guarded by his worst enemies, the Ternatans, who would have to pay for his evasion with their lives, and on that account would not fail to keep strict watch and observe his slightest movements. From the account of the Wedarese, Moeroetaij, and Kassi, transmitted under No. 9, your Right Excellencies will, among other things, if you please, perceive that the Hadjie Joesoef, who was sent in the past year as the first envoy to the Emperor of Mangindanao, delivered to that Sovereign two bundles brought from Tidor and sewn in white linen in the manner of cushions, in which I firmly suppose that there were nothing other than papers, and notably all the Contracts entered into between the Company and the Realm of Tidore from King Saifioedien up to the last deceased King, since the King here excused himself from handing them over under all kinds of frivolous pretexts, and at last said that the Kalim must have them, who, however, in the presence of the secunde Cornabé, the Under-Merchant Hemmekam, and the provisional secretary de Chalmot, together with the Tidorese Djoegoegoe and Hoekum, convinced him to the contrary and declared that those papers, shortly after his dismissal as secretary, had been taken back by his Highness. Furthermore, your Right Excellencies will find made known in the two transmitted Lists, sub No. 25 and 26, what retinue the two Sovereigns, upon their very pressing instance, took with them, to which I refer, as well as to the Appendices marked with Nos. 16, 57, and 21, on the second of which the Regalia demanded from the King and delivered by his Highness are accurately specified, with a precise indication of with whom those not present are pawned, or to whom given on loan. Departing herewith from this matter, I cannot fail still respectfully to inform your Right Excellencies that the King of Batchian, presently also here under arrest, has given no lesser proofs of disobedience and his evil intention against the Company, and he would also not yet have appeared here, even if successively another dozen Commissioners had been sent, had he not been invited to appear at this Castle for the last time, and in the most emphatic terms, together with a declaration protesting against the harmful consequences that might result therefrom in case of unwillingness, by a well-armed Ternatan KorraKorra Fleet, upon which the Crown Prince was placed as Chief and accompanied by a sergeant, a Corporal, and twelve soldiers. On the 17th of this month, or three days after the arrival of said his Highness, the Young King, the Ensign Eberhard, and Bookkeeper Weijdemuller, furnished with an ample Instruction, were dispatched to Kasiroeta with the Pantjalling the Windhond and some Ternatan Korra Korras, not only to properly inventory and bring hither all the Goods, Serfs, and other effects of the said Sovereign, in the presence of two of his Commissioners appointed thereto by himself, but also, after that execution, and when all the Inhabitants with their possessions, even also the Cerammers in question, shall first have departed for Laboca, to destroy and burn all of Kasiroeta as a dangerous nest of intrigue, as well as to raze everything to the ground. On a following occasion I shall have the honor to discourse extensively with your Right Excellencies on the impossibility of allowing the projected expedition to Mangindanao to proceed this year, wherefore also the ships Westfriesland and the Jonge Samuel could return, if unforeseen accidents do not prevent such, since the first-mentioned vessel, which has lain over here for a year, cannot otherwise be kept longer without danger, because, according to the general testimony of the naval experts, it absolutely must be careened; while the ship Delfshaven, having arrived here first and being discharged with all possible speed, is to be dispatched thither within a few days to cover Manado, after the same shall have been brought into a complete state of defense. With regard to King Mono Arfa, sent up from Gorontalo in the past Year, I can as yet inform your Right Excellencies of nothing with certainty, but hope to be able to do so in detail upon the departure of the ships, when I shall then also take the liberty to disclose to the Highest same my opinion regarding that sending, adding only here that said Celebese Sovereign was permitted by this Council on 22 October of the past year to reside outside the Castle and in the Chinese kampong, where he has an own house, being otherwise treated with all discretion. In conclusion of this, I still serve to note that his Highness the King of Ternaten paid me a short visit the evening before yesterday, tending

Dutch transcription

welk aantal door mij met twintig Ternatanen, die voor de gepermitteerde bezolding zijn in dienst genomen, is vormeerderd, om dat de Jonge Koning een doortrapte en zeer intriquante snaak is, wien het ook aan geen moed ontbreekt, en die daarom de mins„ „te occasie, om zig uit onze handen te redden en te echaperen, niet zoude hebben laten ontslippen, welke gedagten hem nogtans wel „zullen vergaan zijn, zo dra hij gezien heeft van door zijne ergste vijanden, de Ternatanen te werden bewaakt, welke zijne evasie met het leven zouden moeten boeten, en uit dien hoofde niet in gebreke blijven zouden van stipt wagt te hou„ „den en zijne minste gangen gade te slaan. Uit het onder No. 9. overgaand Relaas van de Wedaresen, Moeroetaij en Kassi zullen uwe Hoog Edelheden on„ „der anderen, des gelievende, ontwaren, dat de Hadjie Joe„ Soef, die als eerste zendeling in den gepasseerden Jare naar den Keizer van Mangindanao is gezonden, aan dien Vorst heeft overgegeven twee van Tidor medegebragte en in wit linnen benaaide bundels, op de wijze van Kussens, in welke ik vast veronderstelle dat niet anders als papie„ „ren, en wel voornaamlijk alle de tusschen de Compagnie en het Rijk van Tidore aangegaane Contracten, zedert den Koning Saifioedien tot den laast overleden Koning, zijn geweest, vermits de Koning zig alhier, onder allerhande frivole uitvlugten, van derzelver afgare heeft geëxcuseert, en op 't laast gezegd dat de Kalim ze moeste hebben, welke hem egter £ 13 egter; in presentie van den secuende Cornabé, den Onderkoop„ „man Hemmekam en den p„l secretaris de Chalmot, mitsgaders den Tidorschen Djoegoegoe en Hoekum van het tegendeel overtuigd en verklaard heeft dat die papieren, kort na zijne afdanking als secretaris, door zijn Hoogheid waren teruggenomen. Overigens zullen uwe Hoog Edelheden bij de beide over„ „gaande Lijsten, sub N=o 25: en 26. bekend gesteld vinden; wat gevolg de beide Vorsten, op hunne zeer kragtige instantie hebben mede genomen, waar aan ik mij referere, zo wel als aan de met Ns. 16, 57, en 21. gemerkte Bijlagen, op welke tweede de van den Koning afgeischte en door zijn Hoogheid overge„ „gevene Regalia naauwkeurig zijn gespecificeert, met eene accurate aantoning bij wien de niet present zijnde zijn verpand, of aan wien ter leen afgegeven. Hier mede van deze materie afstappende zo kan ik niet om heen uwe. Hoog Edelheden nog eerbiedig te bedeelen, dat de tans mede hier in arrest zynde Koning van Batchian geene mindere blijken van ongehoorzaamheid, en zijne kwade intentie tegen de Compagnie heeft ge¬ „geven, en hij zoude ook nog alhier niet zijn verschenen, alwaren in successive nog een dozijn Gecommitteerden ge„ „zonden, ware hij niet met eene wel gearmeerde Ternaat„ „sche KorraKorra Vloot, op welke de Kroonprins als Hoofd hem Hoofd geplaatst en van een sergeant, een Korporaal en twaalf soldaten verzeld was, voor de laaste maal, en in de nadrukkelijkste bewoordingen, mitsgaders onder verkla„ „ring dat men, bij onwille, voor de schadelijke gevolgen, die daar uit zouden kunnen resulteren, protesteerende, tot de verschij¬ „ning aan dit Kasteel uitgenodigd. Den 17. dezer of drie dagen na de aankomst van gemede zijne Hoogheid, zijn de Jonge Koning, de Vaandrig Eberhard en Boekhouder Weijdemuller, genunieert met eene ample Instructie, naar Kasiroeta gedepecheert met de Pantjalling de Windhond en enige Ternaatsche Korra Korras, om niet alleen alle de Goederen, Lijfeigenen en andere effecten van den „door ged: Vorst, in bij zijn van twee zijner daar toe hem zelf benoem„ „de Gecommitteerden, behoorlijk te inventariseren en her„ „waarts te brengen, maar ook, na die verrigting, en wan„ „neer alle de Inwoners met hunne bezittingen, zelfs ook de bewuste Cerammers, eerst naar Laboca zullen vertrokken zijn, geheel Kasiroeta, als een gevaarlijk Konkelnest, te verwoesten en te verbranden, mitsga„ „ders alles met den grond effen te maken. Bij eene volgende gelegenheid zal ik de eere hebben uwe Hoog Edelheden breedvoerig te onderhouden over de onmogelijkheid van de geprojecteerde expeditie naar Mangindanao in dezen Jare voortgang te laten nemen, waaromme dan ook de schepen Westfriesland en E 8: 13. en de Jonge Samuel zouden kunnen terugkeren, indien onvooriene toevallen zulks niet beletten, daar de eerstgemelde bodem, die hier een Jaar heeft overgelegen, buiten dien niet langer zonder gevaar kan werden aangehouden, wijl hij, volgens het algemeen getuigenis der scheepskundigen, absolut moet gehiel„ „haald werden; terwijl het schip Delfshaven, alhier het eerst aangekomen en met alle mogelijke spoed gelost zijnde, binnen enige dagen, ter dekking van Manado, derwaarts staat gedepecheert te werden, na dat het zelve in eenen vol¬ „komen staat van defensie zal gebragt zijn. Ten aanzien van den in't gepasseerde Jaar van Go„ „rontalo opgezonden Koning Mono Arfa, kan ik uwe Hoog Edelheden voor als nog niets met zeker„ „heid bedeelen, maar hope zulks bij het vertrek der schepen omstandig te zullen kunnen verrigten, wanneer ik als dan teffens de vrijheid zal gebruiken Hoogst dezelven mijn gevoelen nopens die opzending openteleggen, hier eenlijk nog maar bijvoegende, dat aan gemelde Celebische Vorste den 22. October a:o passato door dezen Raade is geper„ „mitteerd, om buiten het Kasteel en in de Chinese kam„ een pong, alwaar hij eigen huis heeft, te wonen, wordende overigens met alle discretie behandeld. Ten besluite dezes diene ik nog te noteren, dat zijn Hoogheid de Koning van Ternaten eergisteren avond bij mij een kort bezoek heeft afgelegt, strekkende ##

NL-HaNA_1.04.02_3556_0488 view scan ↗

English

Serving principally to request me to recommend in the most favorable manner to Your High Excellencies the secret request now being made by Him in a separate letter, with the request that upon granting it, nothing more be mentioned in the letter to be written to His Highness than that what was requested has been granted, in order that this might not become known to anyone. And because I found no difficulty in promising that well-meaning Prince that both points will gladly be fulfilled by me, I also do so herewith most respectfully, in hope of Your High Excellencies' favorable approbation, which I at the same time most humbly request regarding all my actions set down herewith. Wherewith concluding this, I commend Your High Excellencies' precious Persons and the Interests of the Dutch Company to the only safe Protection of the Almighty, and call myself with all veneration, High Noble, Severe, Highly Esteemed, Valiant, Right Wise, Prudent, Discreet, Most Generous Lord and Noble Severe Lords; Your High Excellencies' most humble and faithful Servant, J: R: Thomaszen Ternaten in the Castle Orange, the 29th of May 1779. 17 Batavia To His High Excellency The High Noble, Severe, Highly Esteemed, Far-Ruling Lord Reijnier de Klerk, Governor-General along with The Right Noble Severe Lords Councillors of the Dutch Indies High Noble, Severe, Highly Esteemed, Valiant, Right Wise, Prudent, Discreet, Most Generous Lord Noble Severe Lords Since the arrangements made regarding the Realm of Tidore since the departure of the Bark of the Citizen Captain-Lieutenant Landauw, named the Anna Christina, as well as the principal circumstances of the peace concluded this morning, have been described in the general letter now departing, to whose contents I respectfully refer, this letter is principally arranged to bring to Your High Excellencies' attention that Prince Gaigiera, chosen by me as First Regent, was appointed thereto not because of his extraordinary capacities, nor on account of given proofs of loyalty to the Company, for no opportunity for this was ever given him during the Reign of the King who departed for Batavia, as the said King hated mentioned Prince and never permitted him to come to Ternaten, or to converse with our Nation at all, and not even too frequently with his own; but because he is the closest to the Crown and whose Great-Grandfather is the famous King Saifoedien, who concluded the first Contracts with the Company. This Prince, who, as they say, is good-natured by disposition and possesses various good qualities, has nevertheless, because he has not interacted much with people, little knowledge of our customs, much less of the Contracts entered into by the Realm of Tidore with the Company, and it is for that reason that I, on the proposal of some prominent and well-meaning Grandees of the Realm, have resolved to let that Regent govern the Tidore lands presently forfeited to the Company through the disloyalty of the sent-away King, under the supervision of his Niece Princess Hafixatin Noefoes, an equally lawful Descendant of the aforementioned Sultan 19 Sultan Saifioedien as the said Prince; she being a virtuous woman of about fifty-three Years, who is fully aware of the contents of all Contracts entered into by the Company with the Tidorese since the beginning of our arrival in the Moluccas, besides and in addition to which the mentioned Princess is at the same time very much loved and honored by her Nation for her excellent qualities. Thus far, however, I do not trust myself to propose the oft-mentioned Prince Gaigiera, nor any of the other Princes, to Your High Excellencies as King, and I shall therefore postpone this until the departure of one of the last vessels, yet in that meantime let no occasion pass to observe most closely the disposition and the manner of governance of that Regent, so as subsequently to be able to make an exact report to Your High Excellencies on how he shall have conducted himself during a month or three, and whether he does in fact keep such praiseworthy and virtuous qualities hidden under his somber appearance as are attributed to him. Departing herewith from this subject for the present, I must also inform Your High Excellencies how on the 3rd of the past month I was informed by the Junior Merchant Koenes of Manado, by letter of the 18th of April, that the Mangindanauwers were indeed again present in the Banka Strait, to the number of four vessels, which were separated from nine of their companions, among which was a Tidorese vessel, by a severe barat, after having previously engaged in a fight between Taboekan and Chiauw with the King of the last-named little Realm, and having sustained several dead and wounded. Some time before, or on the 16th of February last, I likewise received, by a letter from the aforementioned Koenes, dated the 7th of that same month, news that two male persons who fled from Mangindanao, by name Adie, slave of the fallen Resident de Wolf, and Kasse, a Caudipanger, had arrived in the Sangirs and subsequently in Manado, and had given an Account there regarding the heavy preparations of the Mangindanauwers, as Your High Excellencies will, if you please, find described in more detail in the Enclosures now transmitted in Copy. If I now compare that story with what was further set down in that same letter, namely, how the Mangindanauwers, having heard that the Company

Dutch transcription

Strekkende voornaamlijk, om mij te verzoeken, van de door Denzelven aan uwe Hoog Edelheden, bij een aparten brief tans gedaan wordende geheime instan„ „tie op het favorabelste aan Hoogst dezelven miet ver„ „zoek, om bij inwilliging in den aan zijne Hoog„ „heid te schrijven brief niets meerder te melden, als dat het verzogte toegestaan is, ten einde zulks aan niemand mogte bekend werden. En dewijl ik geene zwarigheid gevonden heb dien wel„ „menenden Vorst te beloven, dat aan het een en ander door mij gaarne zal werden voldaan, doe ik hetzelve ook bij dezen zeer eerbiedig, in hope van uwer Hoog Edelheden gunstige approbatie, die ik teffens op het nedrigste verzoeke omtrent alle mijne hier bij ternedergestelde verrigtingen. Waar mede deze eindigende, bevele ik uwer Hoog Edel¬ „heden dierbare Personen en de Belangen van de Neder„ „landsche Maatschappije in de alleen veilige Beschonming des Allerhoogsten, en noeme mij met alle reneratie (:onderstond:) Hoog Edele Gestrenge Groot Acht„ „bare Manhafte welwijze, voorzienige, Discrete zeer Genereuse Heer en wel Edele Gestrenge Heeren; (lager) uwer Hoog Edelheden zeer ootmoedigen en trouwschuldigen Dienaar (was getekent:) J: R: Thomaszen (:inmargine) Ternaten in 't Kasteel Orange den 29:e Maij 1779. # 17 17 :: Batavia Aan zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edelen Gestrengen Groot Achtbaren wijdgebiedenden Heere Reijnier de Kerk, ouverneur Generaal nevens De wel Edele Gestrenge Heeren Raden van Nederlands Indie C Hoog Edele Gestrenge Groot Achtbare Manhafte wel„ „wijze, Voorzienige, Discrete zeer Genereuse Heer Wel Edele Gestrenge Heeren E Vermits de nopens het Rijk van Tidore gemaakte schikkingen zedert het vertrek van de Bark van den Burger Kapitein Luitenant Landauw, de Anna Chris„ „tina genaamd, zo mede de voornaamste omstandigheden van de dezen morgen geslotene vrede bij den tans afgaan„ „den gemeenen brief zijn beschreven, aan welkers inhoud ik mij eerbiediglijk gedrage, zo is deze principaal ingerigt, om uwe Hoog Edelheden onder het oog te brengen, dat de en de door mij tot Eersten Regent uitgekozen Prins Gaigie„ „ra, daar toe is benoemd, niet om zijne bijzondere Ca„ „paciteiten, nog wegens gegevene preuves van getrouw„ „heid voor de Compagnie, want hier toe is hem nooit ge¬ „legenheid bij de Regering van den naar Batavia vertrokken Koning gegeven, als die gemelde Prins haatte en nimmer permitteerde om op Ternaten te komen, of in 't geheel met onze Natie, en zelfs niet al te fre„ „quent met zijne eigene te converseren, maar om dat hij de naaste tot den Kroon en wiens Over- Grootvader de beroemde koning Saifoedien is, die de eerste Con„ „tracten met de Compagnie heeft gesloten. Deze Prins, die gelijk men zegt, goedaardig van naturel is, en verscheide goede qualiteiten bezit, heeft egter, wijl hij niet veel met menschen heeft omgegaan, weinig kennis van onze zeden, veel min van de door het Tidorsche Rijk met de Compagnie aangegane Contracten, en het is uit dien hoofde dat ik, op de propositie van enige voorname en welmemende Rijks„ „groten, hieb geresolveerd, om door dien Regent de tegenwoordig door de ontrouwe des opgezonden Konings aan de Compag„ „nie vervallene Tidorsche landen te laten bestieren, onder toezigt van zijne Nigte Princes Hafixatin Noefoes, eene evengelijke wettige Descendente van den voornoemden Sulthan 19 Sulthan Saifioedien, als de ged:e Prins; zijnde de„ „zelve eene deugdrijke vrouw van omtrent drie en vijftig Jaren, welke den inhoud aller Contracten, door de Com„ „pagnie met de Tidoresen zedert het begin onzer komst in de Moluccos aangegaan, volkomen bewust is, buiten en behalven dat gemelde Princes teffens door haare Natie zeer bemind en g'eerd wordt om haare uit„ „muntende hoedanigheden: Tot dus verre vertrouwe ik mij egter niet, om den meermelden Prins Gaigiera, nog iemand der andere Prinsen aan uwe Hoog Edelheden tot Koning voorte„ „dragen, en ik zal dit derhalven tot het vertrek van een der laaste vaartuigen uitstllen, dog in dien tusschen tijd ge„ „ne occasie laten voorbijgaan, om den inborst en de wij„ „ze van bestiering van dien Regent ten naauwkeurigsten gade te slaan, om uwe Hoog Edelheden vervolgens een exact verslag te kunnen doen, hoedanig hij zig, gedurende een maand of drie zal hebben gedragen, en of hij in der daad zulke prijzenswaardige en deugzame qualiteiten onder zijn Somber voorkomen verborgen houdt, als men hem toeschrijft Hier mede van dit onderwerp voor het tegen„ „woordige afstappende, moet ik uwe Hoog Edel„ „heden nog bedeelen, hoe mij op den 3. der voorleden maand „o maand door den Onderkoopman Koenes van Mana„ „do, bij brief van den 18: April, is gecommuniceert., dat de Mangindanauwers zig weder werkelijk in straat Banka bevonden, ten getalle van vier Rau„ „wen, welke van negen hunner makkers, waar onder een Tidoreesch vaartuig, door een zware Barrat, zijn afgezonderd geworden, na alvorens, tusschen Taboekan en Chiauw, met den Koning van het laastgenoemd Rijkje slaags te zijn geweest, en verscheidene doden en gekwetsten te hebben bekomen Enige tijd bevorens, of op den 16: Februarij laatstle„ „den ontring ik insgelijk bij een brief van voorm: Koenes, gedagtekend den 7: dierzelve maand, tijding, dat'er twee van Mangindanao gevlugte mans„ „personen, in name Adie, slaaf van den gesneuvel„ „den Resident de Wolf, en Kasse, een Caudipanger, op de Sangirs en vervolgens te Manado waren gearriveert, en aldaar een Relaas, wegens de sterke toerusting der Mangindanauwers hadden ge„ „geven, gelijk uwe Hoog Edelheden zulks, desgelievende, breedvoeriger bij de tans in Copia overgaande Bijlagen zullen beschreven vinden. Indien ik nu dat verhaal met het verder bij dienzelfden brief ter nedergestelde, naamelijk, hoe de Mangindanauwers vernomen hebbende dat de Compagnie -

NL-HaNA_1.04.02_3556_0493 view scan ↗

English

Company would attack them in their own country this year, were heavily engaged in making bentings, and that for this reason they had postponed their departure by a year, as well as the actual arrival of 13 pirate prahus in the Sangir and Celebes waters, I must consider both the one and the other as unfounded. Your Right Excellencies may meanwhile rest assured that neither diligence nor effort will be spared to discover the true intentions of our enemies, in order to do them all possible harm and to thwart their evil designs against us as much as possible. I conclude this herewith and subscribe myself, after having first commended Your Right Excellencies' most illustrious persons and the true interests of the Dutch Company to Heaven's protection, with great respect and deference. Was signed: Right Noble, Severe, Highly Esteemed, Valiant, Most Wise, Provident, Discreet, Very Generous Sir, and Right Noble, Severe Sirs. Lower down: Your Right Excellencies' humble and obedient servant. Was signed: J: R: Thomaszen. In the margin: Ternate in Fort Orange the 12:th of June 1779. Batavia To his Right Excellency The Right Noble, Severe, Highly Esteemed, Far-ruling Lord Reijnier de Klerk Governor-General along with The Right Noble, Severe Lords Councillors of the Dutch Indies Honorable Right Noble, Severe, Highly Esteemed, Valiant, Most Wise, Provident, Discreet, Very Generous Sir and Right Noble, Severe Sirs! In my secret letter of 29:th May last I had the honor to inform Your Right Excellencies how I had also succeeded in getting the King of Batchian to Ternate and placing him under arrest; but that he had not yet been interrogated at that time; and that the commissioners Berhard and Weijdemuller had been sent to Kasiroeta to bring all the effects of the said monarch here under proper inventory, as well as to destroy that nest of intrigue and the hiding place of all kinds of vagabonds and scoundrels, and at the same time to bring back here the Chinese, Macassars, and bondservants who had deserted from here successively. Having then summoned the aforementioned King before the council on the 30:th of the past month of July to answer the charges brought against him, he, just like the King of Tidore, defended himself by denying everything, only confessing that Hadji Oemar had visited Kasiroeta more than four years ago, and Hadji Coesolf in the past year, and that the latter had wanted to show him a letter from the King of Mangindanao, which had been brought to Maba by Oemar and subsequently to Tidore by the brother-in-law of the King of Tidore, named Tahane, which letter he had nevertheless refused to see, but had declared outright to that Hadji that he would not interfere with any matters contrary to the contract of the Company. However, to what extent these statements agree with the truth can, apart from other circumstances, be sufficiently judged from the King's negligence in having both those scoundrels arrested, as well as his failure, in accordance with his duty, to give notice of such an important matter to this Council; upon which he also, when I put this to him in the meeting, had to confess that he was at fault in that respect. We therefore persisted in our resolution, which had been taken that same morning, to send the repeatedly mentioned King of Batchian to Batavia on the ship Westfriesland, since for the general peace and welfare of the Moluccas, indeed even to render fruitful the further designs for the destruction of the Mangindanaos, we deem the absence of both that monarch and the King and Crown Prince of Tidore absolutely necessary, and I therefore have no doubt that Your Right Excellencies will not only fully approve the arrest and sending away of both those Moluccan head kings, who in time might have become formidable to the Company, but will also rejoice with me over the happy outcome of both these undertakings, carried out as they were without the least bloodshed; while all the papers received against the very cunning old King of Batchian are also to be presented to Your Right Excellencies on the aforementioned vessel. Pursuant to what was communicated in my aforementioned letter of the 29:th of May, the ship Delfshaven was ready to sail in the month of June to depart for Manado and Quandang, to deliver the requirements according to the annual requisitions of those Residencies, when on the 20:th of that month I received from the Sangir

Dutch transcription

21. Compagnie hen van dit Jaar in hun eigen Land zoude ko¬ „men aanstasten, sterk bezig waren met het maken van Bentings, in datze hun vertrek, om die re„ „den, een Jaar hadden uitgesteld, zo mede de werkelike aan„ „komst van 13. Roofprauwen in de Sangirsche en Celebische Vaarwaters, te zamen vergelijke, dan moet ik het een, zo wel als het ander, als ongegrand aanmerken Uwe Hoog Edelheden kunnen zig intusschen ge„ „persuadeert houden, dat geen vlijt nog moeite zal wer„ „den gespaard, om de ware voornemens onzer vijanden uittevorschen, ten einde hun allen afbreuk te doen, mitsgaders hunne kwade desseinen ten onzen op„ „zigte, zoo veel mooglijk, te verijdelen. Ik sluite deze hier mede, en onderschrijve mij, na al„ „vorens Hoogstderzelver zeer Illustre Personen en de ware Belangen van de Nederlandsche Compagnie in des Hamels Bescherming te hebben aanbevolen, met veel eer„ „bied en ontzag (onderstond) Hoog Edele Gestrenge Groot Achtbaare, Manhafte, wel wijze, voorzienige, Discrete, zeer Genereuse Heer en wel Edele Gestrenge Heeren (lager) uwer Hoog Edel„ „heden ootmoedige en gehoorzame Dienaar (:was getekent:) J: R: Thomaszen (in margine) Ternaten in 't Kasteel Orange den 12: e Junij 1779. Batavia Aan zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edelen Gestrengen Groot Achtbaren wijdgebiedenden Heere Reijnier de Klerk Gouverneur Generaal nevens De wel Edele Gestrenge Heeren Raaden van Nederlandsch Indie E Hoog Edele Gestrenge Groot Achtbarre, Manhafte wel wijze, voorzienige, Disscrete, zeer Genereuse Heer en Wel Edele Gestrenge Heeren! Bij mijnen Secreten brief van den 29:e Meij J: L: heb ik de eer gehad, uwe Hoog Edelheden te bedeelen, hoe het mij almede gelukt was den Koning van Bat„ „chian op Ternaten, en in arrest te krijgen; dog 3 dat Dezelve ter dier tijd nog niet was ondervraagd; en dat de Commissianten Berhard en weijdemul„ „ler naar Kasiroeta waren gezonden, om alle de Effecten van gem: vorst onder behoorlijke Inven„ „tarie ditheen te brengen, zo wel als dat Konkelnest - en 27 5232 en de schuilplaats van allerhande vagebonden en Schelmen te verwoesten, en teffens de van hier successive gedroste Chi„ „nesen, Macassaren en Lijfeigenen mede naar herwaarts te nemen. Dan voornoemden Koning op den 30: der Jongst„ „gepasseerde maand Julij in vergadering hebbende doen ko„ „men en antwoorden op de hem ten laste leggende pointen zo heeft hij zig, even als de Koning van Tidoze met alles te ontkennen verantwoord, eenlijk confesserende, dat Hadji demar voor ruim vier Jaren, en Hadji Coesolf in den voorleden Jaar op Kasiroeta waren aangeweest, en dat laastgemelde hem een brief van Mangin„ „danauws Koning die door Oemar op Maba, en vervolgens door den zwager van Tidors Koning, Tahane genaamt, op Tidor was aangebragt, hadde wil„ „len vertonen, welken hij egter niet hadt willen zien, maar rond uit aan dien Hadji verklaard hadt van zig met geener„ „leie dingen, tegen het Contract van de Comp: strijden„ „de, te willen bemoeijen. In hoe verre nu deze gezegdens egter met de waar„ „heid overeenstemmen, is, behalven uit andere Omstandigheden, genoegzaam aftemeten uit 's Konings nalatigheid, om die beide schelmen te laten oppakken, als mede van zoo een gewigtige zaak, ingevolge zijn pligt, aan dezen Raade kennis te geven; waar op hij ook, wanneer ik hem zulks in vergadering voorhield, heeft moe„ „ten bekennen, dat hij in dat opzigt schuld hadde. wij. Wij zijn uit dien hoofde bij ons besluit, 't welk denzelfden morgen was genomen, om den meermelden Koning van Batchian met het schip West„ „friesland naar Batavia te verzenden, blijven per„ „sisteren, vermits wij tot de algemene rust en het welzijn der Molukkos, Ja zelfs om de verdere des„ „seinen tot verdelging der Mangindanauwers van vrugt te doen zijn, de afwezigheid, zo wel van dien vorst„ als den Koning en Kroonprins van Tidor volstrekt nodig oordeelen, en ik twijffele daarom geenzins, of uwe Hoog Edelheden zullen niet alleen de arrestering en verzending van die beide Moluksche Hoofdkoningen, welke in der tijd formidabel voor de Compagnie zou„ „den hebben kunnen werden, volkomen goedkeuren, maar zig zelven ook over den gelukkigen uitslag van die beide ondernemingen, als- zonder de minste bloed„ „vergieting uitgevoerd, nevens mij verheugen; terwijl alle de papieren, die ten laste van den zeer listigen Ouden Koning van Batchian zijn ingekomen, almede met den voor„ „melden Bodem aan uwe Hoog Edelheden staan aangeboden te werden. Ingevolge van het gecommuniceerde bij mijnen voor„ „zegden brief van den 29:e Meij, was het schip Delfs„ „haven in de maand Junij zeilvaardig, om naar Ma„ „nado en Quandang te vertrekken, ten overbreng van de benodigheden op de Jaarlijksche Eisschen dier Residen„ „tien, wanneer ik op den 20:sten dier maand uit de Sangvis

NL-HaNA_1.04.02_3556_0497 view scan ↗

English

25. received report from the Sangirs that twenty-two pirate vessels, including two Tidorean Korra Korras, and on one of them Hadji Joesoef of Mangindanao, had already set out and appeared in the Sangir waters, wherewith the kings of Chiauw and Taboekan have simultaneously sent hither a certain Makianese named Abdul, who was captured in the past year on the Goraitjes by the Mangindanao wanderers, and who had subsequently escaped with a small proa and landed on the island of Sawang. Thereupon, the following day, I had this Abdul interrogated in my presence, who gave such a detailed account of the great preparations of the Mangindanaoans, as well as of their alliance with the Castilians, and also the arrival of thirty-six Manila vessels at Mangindanao, that, although we did not give complete credence to everything, the next day we resolved to detain the ship Delfshaven for a little while longer, and that very evening to send a korra korra of His Highness, the King of Ternate, who had caused it to be prepared for that purpose at my request, to Manado, in order to notify the junior merchant Koenes of this almost unbelievable news, and at the same time to order him to inform us as soon as possible whether he had also already received any further news of the appearance of the Mangindanaoans in the Sangir or Celebes waters. This vessel has not yet returned to this day, although the weather and wind are now favorable for obtaining news from there, which leads me to presume that nothing hostile must have been observed at Manado or in those regions, as we would otherwise have obtained some report of it, since one certainly has several opportunities at Manado to inform us if anything bad had been heard or had occurred there; but in order nevertheless to observe the utmost caution, it was decided this morning to detain the aforementioned ship Delfshaven until the 10th of this month, but no longer, and if no new reliable news of any danger should arrive here in the meantime, then safely to dispatch the same with the merchandise and other necessities intended for Manado and Quandang, under instructions to the first-mentioned place to let this vessel return with as much rice as the harvest and time over there and at Amoerang will permit to be loaded into it, in order to be able to be back here at the latest in the month of October. Along with the copy of the letter from the Kings of Chiauw and Taboekan regarding the aforementioned Makianese Abdul, with the copies of the interrogatory points answered by him here and his previous account given at Chiauw, under Nos. 1, 2, and 3, there are now also transmitted, in compliance with Your Highest Honor's most respected order, all the papers received up to now and numbered 4, 5, 6, 7, 8, 9, and 10, of some consideration concerning the King Mono Arfa sent up from Gorontalo; who continues to be accused by his co-ruler Wallanadi along with the provisional second King Oenoe and various other dignitaries of the realm, with the declaration that they never want him back again, and are completely prepared to appear here in person in order to reveal the charges still against him in his presence; wherefore, and because Mono Arfa also strongly insisted upon it, it was deemed necessary and decided to summon both the aforementioned kings and some of the principal dignitaries of the realm of Gorontalo hither, as is to take place within three to four days with the bark Jaccatra, in order to investigate everything carefully and finally put an end to this dispute, which otherwise might well last for years without an opportunity to make a fair and just ruling on the matter. Of the letter sent in copy from the often-mentioned King Mono Arfa to His High Nobility, a copy was sent to Resident Wentholt, with orders to account for himself satisfactorily on all the points laid to his charge therein. Furthermore, Your High Nobilities will, if you please, be able to observe from the copies of the inventories, also enclosed under Nos. 11 and 12, that no great treasures belonging to Mono Arfa were found at Gorontalo, at least not inventoried nor brought to Ternate. Nevertheless, I presume, and not without some reason, that he must possess more than has been seized, because several credible

Dutch transcription

# 25. Sangirs berigt ontring, dat er reeds twee en twintig Roofvaar„ „tuigen, daar onder twee Tidoresche Korra Korras, en op een derzelven Hadji Joesoef van Mangindanao waren uitgelopen en in de Sangirsche Vaarwateren versche„ „nen, waar bij de koningen van Chiauw en Taboekan tegelijk herwaarts gezonden hebben zekeren in den ge„ „passeerden Jare op de Goraitjes door de Mangin„ „danauwsche zwervers geroofde Macquiander Abdul, die het naderhand met een klijn prauwtje was ontkomen en op het Eiland Sawang aangeland. Ik heb dien Abdul daarop den volgenden dag in mijn presentie laten ondervragen, welke van de grote toerustingen der Mangindanauwers, mitsgaders van hunne alliantie met de Kastilianen, en teffens de aankomst van ses en dertig Manilhasche vaartuigen te Mangindanao zulk een omstan„ „dig verslag deedt, dat wij, schoon aan alles geen volkomen geloof sloegen, den anderen dag hebben gere„ „solveert het schip Delfshaven vooreerst nog wat aan te houden, en dien zelfden avond nog een kor„ „ra Korra van zijn Hoogheid, de Koning van Terna„ „ten, die dezelve op mijn verzoek, ten dien einde in gereedheid hadt laten brengen, naar Manado te zen„ „den, om de onderkoopman Koenes van deze bijna onge„ „looflijke tijding kennis te geven, en teffens te gelasten ons ten spoedigsten te verwittigen of hij ook reeds enige nadere tijding van de verschijning der Mangindanauwers in de Sangirsche of Celebische vaarwateren hadde ontvangen. Dit vaartuig is tot heden nog niet gereverteert; schoon tans tans weer en wind favorabel is van daar tijding te bekomen, 't geen mij doet veronderstellen dat er niets vijandelijks op Manado of in die Contrijen moet ontwaard zijn, daar wij 'er anders wel enig narigt van zouden erlangd hebben, wijl men tog op Manado verscheiden gelegen„ „heden heeft ons te informeren, zo aldaar iets kwaads vernomen of gebeurd is; maar om nogtans de uiterste voorzigtigheid te betragten, is dezen morgen gearresteert het ged:e schip Delfshaven evenwel tot den 10: dezer optehouden, dog ook niet langer, en bij aldien hier in dien tusschen tijd geene nieuwe zekere tijdting van enig gevaar mogten in„ „komen, als dan het zelve gernstelijk de depecheren met de voor Manado en Quandang geprojecteerde Koopmanschappen, en andere benodigdheden, onder aanschrijving naar de eerst„ „gemelde plaats, om dien bodem te laten retourneren met zoo veel Rijs, als de inzaam en tijd ginder en op Amoerang zul„ „len toelaten in denzelven aftesteken, ten einde op het langst in de maand October weder alhier te kunnen wezen. Nevens het afschrift van den brief der Koningen van Chiauw en Taboekan, ten aanzien van den voorschreven Macquiander Abdul, met de Copias van de door hem alhier beantwoorde vraagpointen en zijn bevorens gege„ „ven Relaas te Chiauw, sub N„o 1, 2, en 3, gaan tans, in nakoming van Hoogst Derzelver zeer gerespecteer„ „de Order, insgelijks over alle de tot nu toe ingekomene en met 4. 5. , 6, 7. , 8. , 9. en 10. genummerde papieren van enige speculatie betrekkelijk tot den van Gorontalo opgezonden 2 47 # 14. opgezonden Koning Mono Arfa; die nog bij Continuatie door zijnen Rijksgenoot Wallanadi nevens den provisionelen twee„ „den Koning Oenoe, en diverse andere Rijksgroten beschul„ „digd wordt, onder betuiging datze hem nooit weder willen terug hebben, en volkomen bereidwillig zijn hier in persoon te verschijnen, ten einde de nog ten zijnen laste hebbende pointen in deszelfs bijzijn te openbaren; waarom, en wijl Mono Arfa 'er teffens sterk op aandrong, men ook nodig geoordeeld en besloten heeft de beide voor„ „melde koningen en enige der voornaamste Rijks„ „groten van Gorontalo herwaarts te ontbieden, ge„ „lijk zulks binnen drie â vier dagen staat te geschieden met de Bark Jaccatra, ten einde alles nauwkeu„ „rig te onderzoeken, en eens een einde van dit geschil te maken, 't geen anders nog wel Jaren konde deuen, zonder gelegenheid te hebben van daar over eene bil„ „lijke en rechtvaardige uitspraak te doen. Van den in Copia overgezonden brief van meergemel„ „den Koning Mono Arfa aan zijn Hoog Edelheid, is een afschrift aan den Resident Wentholt gezonden, met order, om zig op alle de daarin ten zijnen laste ne„ „dergestelde posten Satisfactoir te verantwoorden. Voorts zullen uwe Hoog Edelheden uit de e almede sub N„o 11. en 12. ingeslotene Copia Inven„ „ventarissen, des gelievende, kunnen beogen, dat er geene grote Schatten van Mono Arfa op Gorontalo zijn gevonden, ten minsten niet geinventariseert nog naar Ternaten gebragt. Evenwel veronderstelle ik, en niet zonder enigen grond, dat hij meerder moet bezitten, als in beslag is genomen, wijl verscheiden geloofwaardige 27

NL-HaNA_1.04.02_3556_0500 view scan ↗

English

credible persons here have seriously assured me that they have seen entirely different valuables in his possession at Gorontalo than those presently known in the inventories, and I believe most likely that he has hidden them with his children and grandchildren, and the latter possibly again with others, since the former, according to the rumors, even walk around at Gorontalo with pewter buttons on their waistcoats and pretend to be completely poor. The Junior Merchant Hemmekam, having by my order questioned the Chiefs of Maba and Weda present here on several occasions and investigated their intentions, has served me in this regard with a report, which I take the liberty of presenting herewith in copy to Your High Excellencies under No. 13. And since the points appearing in that document seemed to me to be of great utility and importance for the Company, I had those people appear in assembly on the first of July last, and put everything before them, whereupon they unanimously declared that this was the pure truth and that they desired nothing more than to stand solely and directly under the Company, and to have nothing more to do with the Realm of Tidor, further declaring that they fully answered for Maba and Weda in regard to that article, and that, if Pattanij and Gebe should be of a different opinion, they would, with the help of the Company, bring them to reason. Upon my further inquiry to those Chiefs as to how many people they could supply for the service of the Company, if the same should ever need men to undertake an expedition or otherwise; as also whether they, if the Noble High Indian Government at Batavia should in time see fit to approve it, would gladly see a fortification, battery, or benting erected at Maba, Weda, or thereabouts, they answered unanimously that they always undertook to deliver six hundred men, or three hundred from each of the said districts, and that they desired nothing more than that the Company should proceed to the decision to establish one or more good forts in their land, both for preventing the illicit trade in spices and for their own protection against all ill-disposed wanderers, to which end they were also willing to offer all possible assistance and to supply the necessary lime and stones. I promised them thereupon to favorably submit this last request, as well as their petition regarding independence from the Tidorese Realm, to Your High Excellencies, with which promise the said Chiefs returned that day very satisfied to their dwellings. Since the above is now no trifle, but indeed a matter that merits the ripest consideration, I have merely wished to inform Your High Excellencies of this beforehand; while I shall postpone my further considerations in that regard until the general reply, and in the meantime seek to investigate, as closely as possible, the true condition of the aforesaid lands. Meanwhile I cannot refrain from informing Your High Excellencies that news has arrived on Tidor that Hadji Joesoef has been at Maba with some other vessels, but departed from there immediately as soon as he was informed that the King and Crown Prince of Tidor have been sent to Batavia, as will appear more clearly to Your High Excellencies from the letter of Ensign Gebhardt now accompanying this in copy under No. 14. For the rest, I commend Your High Excellencies to the precious protection of the Almighty, and have the honor to call myself with the utmost respect. (underneath was written:) High Noble, Rigorous, Highly Esteemed, Valiant, Most Wise, Prudent, Discreet, Most Generous Lord and Noble Rigorous Lords (lower) Your High Excellencies' most humble servant (was signed) J: R: Thomaszen (in the margin:) Ternaten in Castle Orange the 5th of August 1779. Register of the secret papers which, by order of the Noble Esteemed Lord Mr. Jacob Roeland Thomaszen, Governor and Director of the Moluccas, are sent to Batavia with the private vessel of the Ternate Burgher Lieutenant Cornelis Willemz, consigned and addressed to His High Excellency the High Noble, Rigorous, Highly Esteemed, Widely Ruling Lord Reijnier de Klerk, Governor General, together with the Noble Rigorous Lords Councillors of the Dutch Indies. This Register. Original secret letter of and to the same as in the heading hereof, dated today. No. 1. Copy translation of a Malay letter from the Kings of Chiauw and Taboekan, dated 3 April 1779. No. 2. Copy answered question points of a Macquinder, Abdul, abducted in the past year by the Mangindanauwers and now escaped again from Mangindanao, dated 21 June 1779. No. 3. Ditto translated account of the aforementioned Abdul, given at Taboekan, dated 3 April 1779. No. 4. Ditto answered question points of the King of Gorontalo, Iskandar Mono Arfa, regarding the accusations brought against him. No. 5. The same answers in Malay with Dutch and Arabic letters. No. 6. Copy points of accusation against the aforementioned Mono Arfa, answered by the Gorontalo Resident Wenthold. No. 7. Copy translated letter from the second Gorontalo King Wallanadi and the Prime Minister King Oenoe, containing complaints about Mono Arfa, dated 19 November 1778. No. 8. Ditto respectful answer of the said Mono to that letter. No. 9. Ditto of five declarations, all of one content, signed by the King Wallanadi and several Gorontalo grandees of the realm. No. 10. Ditto secret letter from the Resident Wenthold, dated 9 June 1778. No. 11 and No. 12. Copy inventories of Mono Arfa's goods, brought here with the pantjalling de Ternaten and the private sloop of the Ternate Burgher Ensign Christoffels. No. 13. Ditto report of the Junior Merchant Hemmekam regarding what was investigated from

Dutch transcription

geloofwaardigen persoonen alhier mij serieuselijk hebben verze„ „kert, datze heel andere kostbaarheden bij hem op Goronta„ „lo gezien hebben, als tans bij de Inventarissen bekendstaan, en ik geloove wel voor 't naast, dat hij die bij zijne kin„ „deren en kindskinderen, en deze mooglyk weder bij anderen hebben verborgen, nadien de eersten, volgens de gerugten, zelfs op Gorontalo met tinne knoopjes in de borstrokken loopen, en zig geheel arm houden De Onderkoopman Hemmekam op mijne order„ de alhier presente Hoofden van Maba en Weda bij verscheidene gelegenheden ondervraagd, en hunnen inten„ „tie uitgevorscht hebbende, heeft mij dieswegens van Berigt gediend, 'twelk ik de vrijheid neme uwe Hoog Edelheden hier nevens in Copia onder N:o 13. te presenteren: en dewijl mij de bij dat Geschrift voorkomen, „de poincten van veel nut en gewigt voor de Maat„ „schappije toeschenen, heb ik die menschen op den Eersten Julij laatstleden in vergadering laten verschij„ „nen, en alles voorgehouden, wanneer zij eenparig verklaarden, dat zulks de zuivere waarheid was en dat ze niets liever wenschten, dan eenlijk en direct onder de Comp: te staan, en niets meer met het Rijk van Tidor uitstaande te hebben, met verdere verklaring, datze, ten reguarde van dat artikel voor Maba en Weda volkomen instonden, en dat; in„ „dien Pattanij en Gebe anders van gevoelen mogten zijn, zijlieden dezelven wel, met behulp van de Com„ „pagnie, tot reden zouden brengen. Op mijne verdere afvrage aan die Hoofden, hoe veel volk„ „ze wel ten dienste van de Comp:e zouden kunnen leveren, indien Dezelve tg 15 Dezelve eens volk mogte nodig hebben tot het doen eener expeditie, als anderzins; zo mede, of zijn, wanneer te Edele Hooge Indiasche Regering te Batavia zulks in der tijd eens mogte goedvinden, wel gaarne zien zou„ „den dat men te Maba weda, dan wel daaromstreeks een vesting, Batterij of Benting opregte, gaven ze eenparig ten andwoord, dat zij altoos aannamen ses honderd man, of uit ieder van de gemelde Districten drie handerd te leveren, en dat ze niets meer wenschten, als dat de Comp: tot het besluit mogte overgaan, om een of meer Goede Forten in hun Land, zo tot weiring van den sluikhandel in specerijen, als tot hunne eigene dek„ „king tegen alle kwaadgezinde zwervers, aanteleggen, waar toe ook gewillig waren alle mogelijke assistentie te bieden, en de nodige kalk en steenen te leveren, Ik heb Hunlieden hier op beloofd, om dit laatste verzoek, zo wel als hunne instantie napens de in„ „depentie van het Tidorsche Rijk: aan uwe Hoog Edelheden favorabel voor te zullen dra„ „gen, met welke toezegging ged: Hoofden dien dag zeer vergenoegd weder naar hunne wooning zijn teruggekeerd. Vermits het bovenstaande nu geen beuzeling, maar wel een zaak is, die de rijpste overweging moriteert, heb ik uwe Hoog Edelheden eenlijk hier van maar prdalabel willen verwittigen; terwijl ik mij„ „ne nadere consideratien dien aangaande tot de generaale rescriptie zal uitstellen, en in dien tusschen tijd nog, zo. 29 zo na mooglijk, de ware gesteldheid van de voorzegde Landen zoeken uittevoerschen Inmiddens kan ik niet afzijn uwe Hoog Edelheden nog te bedeelen, dat op Tidor de tijting is ingekomen, dat Hadji Joesoef net enige andere Vaartuigen op Maba aangeweest, dog van daar aanstonds weder vertrokken is, zo dra hem was be„ „rigt dat de koning en Kroonprins van Tidor naar Batavia zijn verzonden, zo als Hoogst, Dezelven duidelijker zal blijken bij den tans in Copia hier nevensgaande brief van den Vaandrig Gebhardt Sub N=o 14. — Voor het overige bevele ik Uwe Hoog Edelheden in des Allerhoogsten dierbare beschorming, en hebbe de eere mij met de mees eerbied te noemen. (onderstond:) Hoog Edele Gestrenge Groot Acht, „baare, Manhafte wel wijze voorzienige Discrete zeer Genereuse Heer en wel Edele Gestrenge Heeren (lager) Uwer Hoog Edel„ „heden zeer onderdanigen Dienaar (was gete„ „kent) J: R: Thomaszen (in margine:) e Ternaten in 't Kasteel Orange den 5:e Augustus 1779. # 16. 31 Register der Secrete papieren, die ter ordre van den wel Edelen Achtbaaren Heer Mr Jacob Roeland Thomaszen, Gouverneur en Directeur der Moluicos met het particuliere vaartuig van den Ternaats Bur„ ger Luitenant Cornelis Willimsz naar Batavia werden verzonden, geconsigneert en beschreven Aan zijn Hoog Edelheid den Hoog Edelen Gestrengen Groot Achtbaaren, wijd gebiedenden Heere Reijnier de Klerk Gouverneur Generaal nevens de wel Edele Gestrenge Heeren Raaden van Nederlandsch Indië Dit Register Origineele secrete Missive van en aan als in den hoofde dezes, gedateerd op heden N=o 1. Copia Translaat Maleidsche brief van de Konin„ „gen N„o 2: Copia beantwoorde vraagpointen van een in den voorleden jare door de Mangindanauwers geroofde en nu weder van Mangindanao ontvlugte Macquinder Abdul, ged:t den 21. Iuni 1779. „ 3. _=o Translaat Relaas van voorn: Abdul, gegeven te Taboekan, in dato 3. April 1779. „ 4. _=o Beantwoorde vraagpointen van den Koning van Gorontalo, Iskan„ „dar Mono Arfa, nopens de hem ten laste gelegde beschuldigingen „ 5. Die zelfde antwoorden in 't maleisch met Hollandsche en arabische letters 6. Copia Pointen van beschulding van voorn: Mono Arfa, door den Goron„ „taals Resident Wenthold beantwoord gen van Chiauw en Taboekan in dato 3 April 1779. No 7. 27 WAC 17. 33 N=o 7. Copia Translaat brief van den tweden Goron„ taalschen koning wallanadi en p=m Koning Oenoe, vervattende klagten over Mono Arfa, ged. t den 19. November 1778. „ 8 d=o Eerbiedig antwoord van gem: Mono op dien brief „ 9. d=o van vijf verklaringen, alle van een inhoud„ door den Koning wallanadi en enige Gorontaalsche Rijks„ grooten ondertekend „ 10. _=o secrete brief van den Resident Wenthold in dato 9. Juni 178. „ 11 en „ 12. Copia Inventarissen van Mono Arfa's goederen, alhier met de Pantjalling de Ternaten en de particuliere Hoep van den Ternaals Burger vaan„ „drig Christoffels aangebragt „ 13. _=o Berigt van den onderkoopman Hei„ „mekam wegens het uitgevorschte van

NL-HaNA_1.04.02_3556_0506 view scan ↗

English

No. 14 Copy of a letter from the ensign and Tidore Resident Gebhard, dated 15 July 1779 Ternate in the Castle Orange, 5 August 1779. (was signed) H. A. de Chalmot, provisional secretary of the Maba and Weda Chiefs present here. H. de Chalmot Provisional secretary Agrees Copy 18 35 Batavia To his High Excellency the High Noble, Rigorous, Highly Esteemed, Far-ruling Lord Reijnier de Klerk, Governor General together with the Noble Rigorous Lords Councillors of the Dutch Indies. High Noble, Rigorous, Highly Esteemed, Far-ruling Lord, and Noble Rigorous Lords! Since I am currently answering together with the Second and Head Administrator Cornabé the secret letters received this year from Your High Excellencies and not addressed to me alone, and secret matters otherwise, according to Your High Excellencies' latest order resting on very solid grounds, are dealt with and recorded solely by the Commanders of the Outlying Stations, I most humbly request Your High Excellencies to be provided with the necessary orders in this regard for the future, respectfully pointing out that, although such is entrusted to a Commander in particular, he will nevertheless not act so imprudently as to expose himself alone to accountability, when regarding important matters the required resolutions ought to be taken by the entire Political Council; and that, on the other hand, it is very plausible that, if weighty matters arise which for the time being must be concealed or kept secret, and for that reason also must be handled by one person only, it is not always advisable, but even accords with the rules of the best statesmanship, to disclose them to no one, or to leave them to the governance of multiple persons, since a bad rather than a good use can easily be made of the contrary, which is strictly required especially in Governments where a Commander sometimes has to negotiate matters of the greatest consequence with Kings and lesser Regents. Having duly considered this all, I therefore find myself obliged to submit several separate points to Your High Excellencies herewith, and most respectfully to request to be provided with Your High Excellencies' highly esteemed disposition in this interest; these consisting: 1st. In the full surrender of a certain tract of land on Halmahera to His Highness, the King of Ternate, beginning with the village of Wasselee up to and including Samolla, where indeed some places are to be found that belong under Tidore, but the remainder belongs to the said Prince, and both are mostly uninhabited; in order thereby to prevent in the future the principal unrest, the looting and murder between the Ternatean Alfurs and Tidorese, because the latter, coming now and then to their territories situated there to pound sago or cut timber, are mostly mistreated in such a manner by the former, as their nearly irreconcilable enemies, that they take reprisals, and thereby from time to time the fire of discord and dissension is stoked, and finally everything falls into unrest again; and 2nd. In the restitution of the substantial lands, Pajahe, Maidé and Wama, formerly gifted by the Sultan of Ternate to his sincere friend, the Tidorese Sultan Saifuddin, of which I am secretly informed that the present Sultan has already taken partial possession of the uninhabited villages situated there: whereupon His Highness will then also have to renounce forever and irrevocably all further claims on the Tidorese and their lands, and show himself all the more willing in providing all assistance to the Company with the necessary Alfurs and kora-koras as often as they shall come to be required. 3rd. In the retention of the remaining lands of Tidore, and the entire Kingdom of Bachian under the power and authority of the Company, to which they are currently completely ceded; as well as never again consenting to the elevation, or taking part in the election of independent Kings, or Sultans over both Kingdoms, as has taken place until now; but on the contrary appointing over each of them only such Kings and other principal and lesser Chiefs as is customary on Amboina, with this distinction nonetheless, that such a King and further Grandees of Tidore, and also those of Bachian, would continue to enjoy the annual recognition moneys still enjoyed by them, for which, since the land is populous, in addition to the extirpation of spices, there could moreover be imposed upon the first-mentioned some tolerable servitudes, both regarding the delivery of foodstuffs to the Ternatean community, and timber to the Company, whenever the latter is required, both for payment, as well as of manpower, in case of necessity, for fortification works and other important executions without rental wages, which for the time being cannot be introduced on Bachian, as it is very devoid of inhabitants. 4th. In the annual leasing of the Bachian gold mines, provided that the leaseholder besides this binds himself by oath to deliver all the gold dust to the Company, at eleven rixdollars the real; and 5th. Also of the pearl fishery at and around the Pubische Islands. While I dare assure Your High Excellencies

Dutch transcription

N=o 14 Copia Brief van den vaandrig en Tidors Post„ houder Gebhard, in dato 15. Julij 179 Ternaten in 't 't Casteel orange den 5. Augs 1779. (was getekend) H: A: de Chalmot p=l sec=s van de alhier presente Maba-en wedasche Opperhoofden. H. de Chalmort Pt secret= Accordeert Copia 18 35 Batavia Aan zijn Hoog Edelheid den Hoog Edelen Gestrengen, Groot Achtbaaren, wijdgebiedenden Heere Reijnier de Klerk, Gouverneur Generaal nevens de wel Edele Gestrenge Heeren Raaden van Nederlandsch Indie. Hoog Edele Gestrenge, Groot Achtbaare, wijdgebiedende Heere, en Wel Edele Gestrenge Heeren! Dewijl ik tans de in dezen jare ontvan¬ „gene en niet aan mij alleen gerigte secrete Brieven van Uwe Hoog Edelheden met den den Secúnde en Hoofd Administrateur Cornabé te zamen beantwoorde, en de secrete zaaken anders, volgens Hoogst derzelver jongste op zeer solide gronden rustende order, door de Gebieders der Buiten-Comtoiren alleen behandeld en beschreven zijn, verzoeke ik Uwe Hoog Edelheden onderdanigst met de nodige beve„ „len dientwegen voor het vervolg gemunieert te werden, onder eerbiedige vertoning dat, schoon zulks aan een gebieder in 't bijzonder toever„ „trouwd werdt, hij egter zoo onvoorzigtig niet handelen zal; om zig alleen aan verantwoor„ „dingen bloot te stellen, wanneer over impor„ „tante zaaken de vereischte besluiten bij den ganschen Politieken Raad dienden genomen te werden; en dat het daar en tegen zeer aan„ „neemelijk is dat, indien gewigtige zaaken voorkomen, die vooreerst verzwegen, of geheim gehouden gehouden, en ook daarom alleenlijk door één per¬ soon moeten afgedaan werden, het altoos niet raadzaam zij, maar zelfs met de regelen der beste staatkunde overeenkomt, dezelven aan niemand te openbaren, of aan het bestier van meerderen overtelaten, alzoo van het tegendeel eerder een kwaad, dan goed gebruik kan werden gemaakt, 't geen vooral op Gouver¬ „nementen, alwaar zomwijlen een Gebieder met Koningen en mindere Regenten zaa„ „ken van de grootste aangelegenheid te ver„ „handelen heeft, volstrekt vereischt wordt. Dit een en ander wel overwogen hebbende, winde ik mij derhalven verpligt Uwe Hoog Edelheden enige aparte pointen bij dezen voortedragen, en op het eerbiedigste te verzoe¬ „ken, om met Hoogstderzelver veel g'eerde dispositie ten dien belange te mogen werden voor„ be 19 37 27 voorzien; bestaande dezelven 1=o In den vollen afstand van zekere Streek Lands op Halmaheira aan zijn Hoogheid, den Koning van Ternaten, beginnende met het Dorp Wasselee tot Samolla ingesloten, alwaar wel enige plaatsen te vinden zijn, die onder Tidor sorteren, maar het overige den ged: vorst toebehoord, en beiden meest onbe„ „volkt zijn; ten einde daar door in den aanstaande te prevenieren de voornaamste onlusten, het rooven en moorden tusschen de Ternaatsche Alfoeren en Tidoreesen, wijl de laatsten, nu en dan op hunne daar gelegene Territorien komende tot het kloppen van Sagoe of kappen van Hout, door de eersten, als hunne bijnaa onverzoenlijke vijanden, meestentijds zoodanig worden mishandeld, dat ze repre„ „sailles oeffenen, en daar door van tijd tot tijd het 49 39. het vuur van Tweedragt en oneenigheid gestookt wordt, en eindelijk alles weder in Onrust geraakt; en 2=e In de restitutie van de voormaals door den Ternaatschen Sulthan aan zijnen opregten vriend, den Tidorschen sulthan Saifoedien„ verschonkene aanzienlijke Landen, Pajahe, Maidé en wama, waar van ik in 't geheim ben geinformeert, dat de tegenwoordige Sulthan al gedeeltelijk bezit genomen heeft, van de aldaar zijnde onbewoonde Dorpen: wanneer zijn Hoogheid dan ook van alle verdere pretensien op de Tidoreesen en hunne Landen voor altoos en onveranderlijk zal moeten afzien, en zig des te bereidvaardiger betoonen in het toe„ „brengen van alle hulpe aan de Compagnie met de nodige Alfoeren en Korrakorras zoo dikwils, als men die zal komen te requireren. 3o 3=e In het behouden van de overige Landen van Tidore, en het gansche Rijk van Batohian onder de magt en het Gezag van de Compagnie, aan welke dezelven tans volkomen gecedeert zijn; mitsgaders nimmer weder toestemmen de verheffing, of te treeden in de verkiezing van onafhangkelijke Koningen, of sulthans over de beide Rijken, gelijk dit tot nog toe plaats heeft gehad; maar daar en tegen op elk derzelven eenlijk zoodanige koningen en andere opper= en mindere Hoofden aantestellen, als op Am„ „boina gebruikelijk is, met dit onderscheid nog„ „tans, dat zulk een Koning en verdere Grooten van Tidor, ook die van Batchian, bleven jouisseren van de door hen als nog genietende Jaarlijksche Recognitie-Gelden, waar voor aan de eerstgenoemden; wijl het Land volkrijk is, behalven de Exestirpatie van Specerijen, daar en 45 41. en boven zouden kunnen werden opgelegd enige lijdelijke servituten, zo omtrent het leveren van Levensmiddelen aan de Ternaatsche Gemeente, en Houtwerken aan de Compagnie, wanneer het laatste vereischt wordt, beiden tegens betaling, als van volk, bij noodzakelijkheid, tot Fortifi¬ „catie- werken en andere importante Exectien; zonder huurloon, 't geen vooreerst op Batchian niet kan ingevoerd werden, als zeer ontbloot zijnde van Inwooners. 4=o In de jaarlijksche verpagting van de Batchiansche Goudmijnen, mits dat de Pagter zig buiten dien met lede verbind al het Stofgoud aan de Compagnie te leveren, tegens Elf Rijksdaalders de Reaal; en 5=e Ook van de Paarlvisscherij bij en omstreeks de Pubische Eilanden. Terwijl ik Uwe Hoog Edelheden durf verzekeren

NL-HaNA_1.04.02_3556_0514 view scan ↗

English

assure, that these few new arrangements can be made without causing the slightest commotion; whereby the Company here, enjoying greater privileges and still considerable advantages, will be better able to maintain its authority, and make peace and quiet more lasting. Furthermore, I cannot refrain from briefly bringing up one more point here, which occurred to me among other things in Your Right Excellencies' revered secret dispatch of the last of December 1778, namely, what kind of persons one ought to choose and appoint as chiefs over the expedition to Mangindanao! I may and can quietly declare, yes, I have the right to profess to the very same with much candor, that not one among all the qualified persons here is known to me who possesses such qualities as Your Right Excellencies have so reasonably deemed necessary in such persons. And besides, it is undeniable that such a rather momentous undertaking, in order to prevent great dissensions, confusion, and neglect of proper order, must be entrusted solely to one chief or supreme commander, who, provided with complete, yet by no means limited authority, also has the requisite skills and knowledge of affairs, both in political matters and in military service, to direct and carry out everything in such a manner that the Company may not only find utility in it and derive advantages from it, but may also achieve its objective. Yet on the other hand, I am likewise obliged to bring to the honored knowledge of Your Right Excellencies that some servants of the civil administration, military, and seafaring service can indeed be found here, who, on account of their knowledge of the customs and languages of these lands, and proficiency in their trade, could accompany a chief of the aforementioned expedition to assist him with counsel and action, and also be employed in detachments or on small fleets, but by no means be appointed as chiefs at the same time, and which persons one ought to choose only according to the conditions of the times and affairs. For the rest, with regard to the entire contents of this separate letter, I take the liberty of submitting myself wholly to Your Right Excellencies' wiser sentiments, judgment, and dispositions, recommending the very illustrious persons of the same, together with the true interests of the Dutch Company, to the solely safe protection of the Almighty, and subscribing myself with the deepest respect. (underneath stood) Right Honorable, Highly Esteemed, Widely Ruling Sir and Honorable Sirs! (lower:) Your Right Excellencies' very humble and bounden servant (was signed:) Iacob Roeland Thomaszen (in the margin:) Ternaten in Fort Orange, the 20th of September 1779. Agrees [illegible] first secretary Register of the marginal notes on the Secret Advices to Their Right Excellencies of the 29th of September 1779. Page How the matter concerning the captured bark the Ida was decided. . . . . . 1. 2. Which ammunition goods were furnished this year to the King of Ternaten - - - - - - - - - - - - 2 Write-off of a piece of cannon, and some ammunition loaned therewith to Tidore's King. - - - - - - - - - - - 3 Report of Corporal Kegel, concerning the expedition of the Tidorese to Maba 4. How one ought to act with the ammunition goods furnished to Ternaten's King. . - . . . . 5 Necessity of a fortress on Kajoemera - - - - - - - 6 Where one of fascines etc. has already been thrown up . - - - - - 7. The landing of an enemy between Kajomera and Voorburg without being discovered. 8 How one can be completely covered. On the entire south side of this castle - - - - - Which also needs to be improved and repaired Are currently in a better state of defense - - - - - - - - Batchian is presently recommended - - - - - - - - - 10 To the good care of Ensign Roksien - - - - - - For the adjacent reasons - - - - - - - - - - Thanks for approving the write-off of - - - - - 11 The lost - - - - - - - - - - - - - - - During the surprise attack on the Obi post - - - - - - - To which the bad result Of all expeditions against the Mangindanaors - - - - - - To which the King of Ternaten - - - - - - - - - - Is impracticable. . . . . 12 Difficulty of the landing - - - - - - - - - - Where also the Alfoors - - - - - - - - - - - - - - - - Are kept at full strength - - - - - - - - - - - - - With korra-korras - - - - - - - - - - Has contributed much - - - - - - - - - - - - Manado and Kema - - - - - - - - - - - - - - - 9 Whose repair - - - - - - - - - - - - - North of the same - - - - - - - - - - - - - Its durability - - - - - - - - - - - - - - - - 10 Is to be attributed. - - - - - - - - - - - - - 11 Reinforcement, and - - - - - - - - - - - - - - - - - 12 Name - - - - - - - - - - - - - - - - - - 13 Batting - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 14, 15, 16

Dutch transcription

verzekeren, dat deze weinige nieuwe Beschikkingen, zonder de minste opschudding te veroorzaaken, kunnen gemaakt werden; waar door de Maat„ „schappije alhier, onder het genot van grooter voorrechten, en nog almerkelijke voordeelen, haare autoriteit beter zal kunnen handhaven, en de Rust en Vreede deurzamer doen zijn. Wijders kan ik niet omheen hier nog een point maar even aantevoeren, 't welk mij onder anderen in uwer Hoog Edelheden gevenereerde secrete missive van ult=o December 1778. is voorgeko„ „men, namelijk, hoedanige personen men diende te verkiezen en stellen als Hoofden over de Expe„ „naar „ditie „ Mangindanao! Ik mag en kan gerust verklaren, ja ik heb 'er recht toe voor Hoogstdezelven met veel vrij„ „moedigheid te belijden, dat mij ter dezer plaatse geen een onder alle de Gequalificeerden bekend is 47 22. is, die zulke qualiteiten bezit, welke uwe Hoog Edelheden zoo gefundeert hebben gelieven te requi¬ „reren in diergelijke personen: en het is buiten dien ontegensprekelijk, dat eene zoodanige vrij zwaar¬ „wigtige onderneming, tot voorkoming van groote Oneenigheden, Confusie, en verzuim eener behoor¬ „lijke Orde, alleen aan éen Chef of opperhoofd moet aanbetrouwd werden, die, met eene volkomene, dog geenzins bepaalde qualificatie voorzien, ook de vereischte bekwaamheden en kennis van zaaken heeft, zoo in het Politieke, als in den Krijgsdienst, om alles indiervoegen te dirigeren en ter executie te brengen, dat'er de Maatschappije niet alleen Nut in vinden, en voordeelen uit trekken, maar ook het bij behaalen moge. Dog daarentegen ben ik teffens verschul„ „digd ter g'eerde kennis van Uwe Hoog Edelheden te 43 te brengen, dat alhier wel enige Dienaaren van de Politie, Militie en zeevaart te vinden zijn, die een Chef der voornoemde Expeditie, wegens derzelver kundigheid in de zeden en Taalen dezer Landen, en bedrevenheid in hun Metier, zouden kunnen verzellen, om met raad en daad bij testaan, en ook bij Detachementen of op klijne vlooten geëmploijeert, maar geenzins tegelijk als Hoofden benoemd te werden, en welke personen men niet dan naar de gesteldheid van tijden en zaaken diend te verkiezen. Overigens neem ik de vrijheid mij, ten aan„ „zien van den geheelen inhoud dezes aparten briefs, ganschelijk te submitteren aan Uwer Hoog Edelheden wijzere gevoelens, oordeel en Beschikkingen, mitsgaders Hoogst derzelver zeer Illustre Personen, nevens de waare Belan¬ „gen 45: 23. 45 Nagezien Holde Chalmote „gen van de Nederlandsche Maatschappije, in de alleenveilige Bescherming des Allerhoogsten aan„ beveelende, mij met de diepste Eerbied te onderschrij¬ „ren (onderstond) Hoog Edele Gestrenge, Groot Achtbaare, wijdgebiedende Heere en wel Edele Gestrenge Hee„ „ren! (:lager:/ Uwer Hoog Edelheden zeer onder„ „danigen en trouwschuldigen Dienaar (was gete¬ „kend:/ Iacob Roeland Thomaszen (in mar„ „gine.:/ Ternaten in 't Kasteel Orange den 20 ' Sep„ „tember 1779. Accordeert Jiet deten konpe p=r secret=s an¬ # 24. 47 Register van de Marginale aantekeningen op de Secrete Advisen Aan Hunne Hoog Edelheden van den 29: september 1779. 4. Pag: hoe de zaak nopens de veroverde Bark de Ida gedecideert is. . . . . . „ 1. 2. Welk Amunitie-Goederen in dit Jaar aan den Koning van Ternaten verstrekt zijn - - - - - - - - - - - - 2 „ Afschrijving van een stuk Kanon, en enige daar bij geleende anunitie aan Tidors Koning. -– – – – – – – – – – - „ 3 -- Rapport van den Korporaal Kegel, nopens de Togt der Tidoresen naar Maba„ 4. hoe met de verstrekte amunitie-goederen van Ternaats koning diend gehau„ „delt te werden. . - . . . .. id Noodzakelijkheid van een Fortres op Kajoemera - - - - - - - „ 6 alwaar reeds een opgeworpen is van Fascines etc . - - - - - „ 7. „ de landing van een vijand tusschen Kajomera en voorburg zonder ontdekt te werden. Hoe men volkomen kan gedekt zijn. aan den ganschen Zuidkant van dit Kasteel - - - - - „ „ 't welk ook diend verbetert en gerepareert te werden „ „ „ zijn tans in een beter staat van defensie - - - - - - - - „ „ Batchian is tegenwoordig aanbevolen - - - - - - - - - „ 10 aan de goede zorg van den vaandrig Roksien - - - - - - „ „ om de nevenstaande redenen - - - - - - - - - - „ „ Dank voor het passeren der afschrijving van - – – – – „ 11 het verlorene - - - - - - - - - - - - - - - „ „ bij de overrompeling der Oubijsche Post - - - - - - - „ „ waar aan het slegt gevolg van alle uitrustingen tegen de Mangindanaors - - - - - - „ „ waar toe de Koning van Ternaten - - - - - - - - - - „ „ is ondoenlijk. . . . . Bezwaarlijkheid der landing - - - - - - - - - - „ „ daar ook de Alfoeren - - - - - - - - - - - - - - - - „ „ voltalig worden gehouden - - - - - - - - - - - - - „ „ met korra korras - - - - - - - - - - „ „ veel gecontribueert heeft - - - - - - - - - - - - „ „ Manado en Kema - - - - - - - - - - - - - - - „ 9 welkers herstelling - - - - - - - - - - - - - „ „ benoorden het zelve - - - - - - - - - - - - - „ „ dies duurzaamheid - - - - - - - - - - - - - - - - „ „ toe teschrijven is. - - - - - - - - - - - - - „ versterking, en - - - - - - - - - - - - - - - - - „ „ Naam - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ „ Batting - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ „ 10 „ „ 12 13 11 „ „ „ 14 15 16 „ „ „ „ - - - - - - - „ 5 „ 8 „ „ --- - - „ „ - – – – – – – „ „ -- - - – – – – – „ 12 „ „ „

NL-HaNA_1.04.02_3556_0520 view scan ↗

English

but from the measures taken against it by Their High Nobilities the best effect is expected. Against false friends one is watchful 13 and therefore the re-establishment of the Bwaol Post has been shelved under certain made-in-advance promises. The capture of Towool's Regent Marcus Ponto 14 his arrival here and detention in the Main Guardhouse in order to be examined subsequently but he hastened his death and hanged himself from a tree The Sangir petty kings remain still loyal, and have suffered little offense this year from the Maguindanaos yet have requested a postponement and therefore another means has been devised to accommodate them.. by sending a commissioner, with the necessary orders who also exchanges oil for linens and distributes gunpowder among the Sangir petty kings etc. The plans of the Maguindanaos become over time and require the most earnest measures against them for the preservation of the Moluccas etc. and the spice trade The reports received in this regard merit some credibility, and lead us to suppose that something of importance is brewing among them. with assistance of the Spaniards, in which no contradiction is implied for the reasons noted opposite. but to what extent that help is limited time must tell. The cause of the Maguindanao hostilities 17: but on the other hand the probable impossibility of the expedition to Mindanao in this year. has not been fathomable until now that they will never cease them and this for which reasons they were invited hither until time more dangerous continuation ..- continuation 2 18 25 2 21 15 18 19 20 5 12 56 23 22 1 28 H 29 Continuation. has been an obstacle. Three Pantjallings and one Galley along with a fleet of kora-koras request concerning the ship Delfshaven and the cargo of the two other ships continuation. as well as the forwarding of the other Necessities Required manpower for the Expedition continuation and which nations are excluded therefrom for the reasons mentioned alongside The strength of the entire military force 3: 6 and who must absolutely be among them The principal matter in an Expedition 22 is the appointment of Chiefs over the same. and what qualities they must possess. which can always accomplish much yet although the same are rather to be found divided they can nevertheless be found in one man to manage everything alone as Chief provided with a Commission and not too restricted in his authority. to which much must be left All things necessary for the Expedition determined 23 and the Character and ability of a Chief having been described, left to Their High Nobilities request for more officers yet as much as possible of those who have been on Makassar whether the Maguindanaos in the coming Year 24. and the necessity thereof proven Hope of victory over the same and restraint of foreign designs.. when the Expedition Fleet from here yet the opposite is the principal what is now properly required 19 to punish the Maguindanaos must be fitted out 1. its choice is 1st Two ships, Three Barks 20 How the ships and vessels and are provisioned. will be punished. Their Native disposition. of the Militia and Artillery equipped 32 33 34 35 36 3 4 18 5 f 49 25th Page 1 25

Dutch transcription

maar van de daar tegen gedaane voorziening - - - — — door Hunne Hoog Edelheden — verwagt men het beste effect.. Tegen valsche vrienden is men waakzaam – – – – – – – – - „13 en derhalven heeft men de herstelling van „ „ de Bwaolsche Post op de lange baan geschoven - - - - - - „ „ onder zekere antesmade beloften. -- De opligting van Towools Regent Marcus Ponto - - - - - - „ 14 zijn komst alhier. en securering in de Hoofdwagt - - - - - - - - - „ „ om vervolgens geexamineert te werden - - - - - - - „ „ dog hij heeft zijn dood verhaast - - - - - - - - - - - en is aan een boom opgehangen - – – - - - - - - - „ „ De Sangirsche Koningjes blyven nog vrouw, en hebben in dit Jaar niet veel aanstoot geleden van de Manginianauwers - - - -- „ dog hebben uitstel verzogt - - - - - - - - - - - - - - - „ „ en daarom heeft men een ander middel bedagt - - - - - - - -„„ om hun te gemoet te komen.. - .. .- door het zenden van een gecommitteerde, met de nodige. orders. . . . - . „„ die ook olie inruilen, tegens lijwaten - - - - - - - - - - - - - - - - „ en Buskruit verdeelen onder de sangvische Vorstjes etc - - - - - „„ de Projecten der Mangind„s worden van tijds- - en vereischen de ernstigste maatregelen daar tegen - - - - - - - - - - - - -„ „ tot behoud der Moluccos enz: en den specerij handel - - - - „ „ de dientwegen ingekomene berigten. meriteren enig geloof, en doen ons veronderstellen - - – - - – „„ dat bij hen iets van gewigt in til is. -- met assistentie der spanjaarden, - - - - - - - - - - - - - - „ „ waar in geen Contradictie opgesloten legt - - - - - - - - - - „ „ om nevenstaande redenen. maar tot hoe ver die hulp bepaald is. - - – – – – – – – „ „ moet de tijd leeren. .. De oorzaak der Mangindanosche vijandelijkheden - - - - - - - - - „ 17: maar daar en tegen waarschijlyk onmogelijkheid der expeditie. naar Mangindanao in dit Jaar. is tot nog toe niet uittevorsschen - - - - - - - - - - - - - „„ dat zij die nimmer zullen staaken - - - - - - - - - - „„ en zulks om welke redenen - - - - - - - - - - - - - - - - „„ zij zijn herwaarts genodigd - - - - - - - - - - - - - - - - „ „ tot tijd gevaarlijker - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ „ vervolg - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ „ ..- vervolg - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ „ 2 „ 18 „ 25 2 21 -– – – „ 15 18 19 „ 20 „ „ . - – - - -- „ „ - - - - - - - - „ „ „ 5 --- --- – – – „ „ „ „ 12 - - - - - - - „ „ - „ 56 23 22 - – – – – – – - „ „ - - .. . . . . . . „ „ - - - – – – - – „ „ - – – – – – – – – – - „ „ - — 1 28 - „ „ H 29 Vervolg. hinderpaal gewees. - Drie Pantjallings en een Galei - - - - - - nevens een vloot korra karras-- - verzoek omtrent het schip Delfshaven - - - - - - - - - - „ en de lading van de twee andere schepen - - - - - - - - „ vervolg. . . . - mitsgaders de overzending der andere Benodigdheden - . - . - - Benodigde manschappen tot de Expeditie - - - - - - - - - vervolg- - - en welke natien van uitgezonderd worden. . . – – – –„ om nevensgemelde redenen - - - - - - - - - - - - - „ De sterkte der gansche krijgsmagt - - - - - - - - - - - „ 3: 6 en wie zig daar onder absolut moeten bevinden - - - - - - „ Het voornaamste in eene Expeditie. . . . . . . . . 22 is het stellen van Hoofden over dezelve. . - - - - - en welke qualiteiten zij moeten bezitten. - - - – — — — die altoos veel kunnen uitwerken - - - - - – - - - - - dog schoon dezelven eerder verdeeld aante treffen zijn - - – - - kunnen ze egter bij een man gevonden werden - - - – - - - - om alleen alles als Chef, te bestieren - – – – – – – – – – -„ voorzien van eene Commissie - - - – - - - - – – - - - „ en niet te bepaald in zijn gezag. - - - - - - - - - - - - „ waar aan veel moet overgelaten werden - - - - - - - - -- „ Al het nodige tot de Expeditie bepaald - . - – - - – – – – - 23 en het Karakter en vermogen - – – – – – – – – - - van een Clef beschreven zijnde, - – – – – – – - - - - - aan Hunne Hoog Edelheden overgelaten - – - – - – – - „ verzoek om meer officcieren - - - - - - — — — — — dog zoo veel mooglijk van die op Macasser geweest- - --„ of de Magindanaors in 't aanstaande Jaar – – – – – - 24. en dies noodzakelijkheid bewezen - – – – – – – - „ Hoope van overwinning op dezelven en refrenatie der vreemde desseinen.. .. wanneer de Expeditie Vloot van hier - – – – — — dog het nevenstaande is de voornaamste - - - - - - - - - - - - wat nu eigentlijk vereischt wordt - - - - - - - - - - - - - - 19 de Mangindanaors te straffen - - - - - - - - - - -- moeten, gemonteert zijn - – – – – – – – – – – – – – – 1. word dies, verkiezing – – – – – – – – – – – – – – – 1 o Twee schepen, Drie Barken - - - - - - - - - - 20 Hoe de schepen en vaartuigen - - - - - - - - - - - - - - „ en voorzien zijn. . . . – – – – – – – – – – – - „ zullen gestraft werden. - - – - - - - - - Derzelver Landaart. - - – - - - - - - - - van de Militie - - - - - - - - - - - - - - - „ en Artillerij - - - - - - - - - - - - - - „ toegerust - – – – - - - - – – – – - - – - – – „ „ 32 33 34 35 „ 36 3 „ 4 - - - - ... . . . . . . . - - 18 „ „ 5 ƒ 49 25=e Pag „ -- — — –– – – – – – – – „ 1 - - – – – – – – – – – „ „ 25 „ „ „ „ „

NL-HaNA_1.04.02_3556_0522 view scan ↗

English

and how long the military operations ought to be continued - - - - - - " the appearance of Delfshaven and the Jonge Samuel - - - - - - 25. 42 has effected so much why the last-mentioned vessel returned to Westfriesland - - . " " but Delfshaven was retained... for a trial expedition - - - - - - - of the two accounts of the soldiers taken prisoner by the Mangindanaos on Kema — the necessary use will be made – – – – – – – – " 44 though their forwarding would have been more agreeable " " The pirates have in this year — - - — — gained nothing - - - - - - on Tidor everything is still at rest and peace. . . . . 27. " though this would not have been of long duration – – – – - - " 45 had this not been prevented - - - - - - - - - " " by the arrest of certain persons: - - - — must depart for adjacent reasons - - - - - - - - - - - " " - continuation - - - - - - - - - - - - - - and their dispatch, which is deemed necessary - - - - - - - - - - - " continuation . . . . . . . . The character of the Tidore Prince Gaijgiera - - - - - - - - - 28 " and the expectation one has of him - - - - - – - - - " 50. Some points pertaining to Tidore matters, namely - - - – - 29 " the delivery of some gifts to the Tidore Princes and Grandees etc: - - - " " how to act with the remaining ones and those of Batchian - - - - - " 51. also with the jewels, gold and silver works of Tidor and Batchian - - - - - - 30. - " that the fort, Tahoela on Tidor, has been rendered unusable - - - - - - 35. 52. and its dispatch to Amboina - - - - - - - - - - - - " " that the constitution of Maba, Weda etc. - - - - - - - - - - - - - 33. 53. and the nature of the peoples living yonder - - – – — — - - - - " " is to be investigated shortly – — — — — — - - " " also where a fort can best be constructed - - - - - - - - " " which is more pressing than before – - - - - - - - - - - - " 54 " provision of the Maba and Weda chiefs, on commission - - - - - - – – – 34 " accompanied by a corporal and two burghers - - - - - - - - - - - - - " also regarding the delivery of some other trifles - - - - - - - - - " - " handing over of five Burunese - - - - - - - - - - - 32 " for conveying some letters - - - - - - - - - - - - - - - - - " and a small gift to the Papuan Kings – – – – – – – – – – – – — " 55. upon which approval is requested - - - - - - - - - - - - - - " " ditto - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - " 48 - " 16. e e ditto - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - " 47 ditto - - - – – – – – – – - - - - - - - - - - - - - - - - - - - " " ditto - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - " " - - - - – – – – – – – – – – – – – – – – " - – " " - - - 26 " " - - ---–- -- " 43 " " - - - - - - 24. 42 5. Page: " " - - - " " - -– - - - - - - - " 49. " 5 51 35 56 a certain murder committed by 20 Alfoors upon a European and two Tidoreses Which perpetrators, however, the King of Ternaten has promised to have investigated " to be surrendered to the Company, and punished by the same. dispatch of a certain ordinance of the King of Ternaten. . ." and a declaration of the aforementioned accident. - - - - - - - - the King of Batchian now departs - - - - - - - - 36. as it is entirely inadvisable to keep him here for another year – – – - " and also brings along some bar gold and pearls - - -" the commission to Kasiroeta is accomplished. . - - - - - - - - 37. according to the enclosed daily journal - - - - - - - – –- the posts at Dodingo and Macquian have had their garrisons reduced - - - - - 38. with the pantjalling the Kaneelboom - - - - - - - - - - - " Determination of the secret signals for the coming year - - - - – – 40 and what precaution regarding the ships and vessels arriving hither " ought to be observed - - - - - To the Gorontalo King Mono Arfa - - - - - - 45 the customary honors have again been accorded - - - - - - - - - - " Shortly, extirpations of spice trees will again be undertaken 42 and first on one or more of the adjacent lands - - - - - - - When Poelo Pisang will also be visited - - - - - - — — After that on Batchian - — — — Banda's fate has been learned with much regret - — but Oubij, as such was requested - - — — the recommendation of this island - — - — continuation the enclosed 31 pieces of Oubij sample nuts - - - - - - were picked in haste, and therefore no more could be obtained - - - " the quantity of mace to be obtained on Oubij cannot yet be determined " but a calculation will be made in the coming year — request for more cash - - if the expedition to Mangindanao will proceed - - - - " as well as for the mates Gerrits and Marten - — - - - " on account of their well-behaved merits - - — — The Cerammers of Batchian ought - - - - - - - - - - - - - Under the protection of the Company. . . . . - - - - — for reasons - - - - - said - — - by virtue of the adjacent - - - - - - - - - - - - in accordance with their inclination - - - - - - - - - – - - " to remain there - - - - - - - - - - - - - - – - and received — — — — — — — — — — — — — — - " Continuation — — - - — — — 67 66 " 59 60 62 61. " 58 continuation - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - " - - " 6 " " " " — - - - 44 68 - " -- " — — — — — - " -- 1 —: — — 43 1 " " —— — 45 - – – – " - 46 -— - " - — — - — - - - – – – – – -: – – " - 1 " " 63 39 3 " - - - - " 57 8 26 53 27 Batavia To his High Excellency The High Noble, Valiant, Right Honorable, Widely-Ruling Lord, Reijnier de Klerk Governor-General, together with The Honorable, Valiant Lords Councillors Of the Netherlands Indies n High Noble, Valiant, Right Honorable, Courageous, Right Wise, Prudent, Discreet, Very Generous Lord. Honorable, Valiant Lords! Proceeding hereby to the respectful answering of Your High Excellencies' much-honored secret letters of the 6th of November and 31st of December 1778, we shall therein follow the same arrangement as Your Excellencies have

Dutch transcription

en hoe lang de krijgs operatien dienen voortgezet te werden - - - - - -„ de verschijning van Delfshaven en de Jonge Samuel - - - - - - 25. 42 heeft zoo veel geeffectueert waarom de laatst gem: bodem na Westfriesland terug gekeert - - . „ „ maar Delfshaven aangehouden is... tot een proef - Expeditie - - - - - - - van de twee Relaasen van de door de Mang:s op Kema gevangen gemaakte, soldoaten — zal men het nodig gebruik maken – – – – – – – – „ 44 dog hunne overzending zoude aangenamer geweest zyn „ „ De rovers hebben in dit Jaar. — - - — — niets opgedaan- - - - - - op Tidor is nog alles in rust en vrede. . . . . 27. „ dog dit zoude van geen langen duurgeweest zijn - – – – - - „ 45 indien zulks niet was voorgekomen - - - - - - - - - „ „ door de opligting van zekere personen: - - - — moet vertrekken om nevenstaande redenen - - - - - - - - - - - „ „ - vervolg - - - - - - - - - - - - - - en derzelver noodzaaklijk geagte verzending - - - - - - - - - - - „ vervolg . . . . . . . . Het karakter van den Tidorsche Prins Gaijgiera - - - - - - - - - 28 „ en de verwagting, die men van hem heeft - - - - - – - - - „ 50. Enige pointen tot de Tidorsche zaaken behorende, te weeten - - - – - 29 „ de afgave van enige geschenken aan de Tidorse Prinsen en Groten etc: - - - „ „ hoe met de overige en die van Batchian moet gehandelt worden - - - - - „ 51. ook met de Juweelen, Goud en zilver werken van Tidor en Batchian - - - - - - 30. - „ dat het fort, Tahoela op Tidor - onbruikbaar is gemaakt - - - - - - 35. 52. en derzelver verzending naar Amboina - - - - - - - - - - - - „ „ dat de constitutie van Maba, weda ent - - - - - - - - - - - - - 33. 53. en den aart der ginder wonende volkeren - - – – — — - - - - „ „ binnen korten staat onderzogt te werden - – — — — — - - „ „ ook waar een fort best kan werden aangelegd- - - - - - - - „ „ 't geen tens uitterlijker als bevorens is - - – - - - - - - - - - „ 54 „ verstrek der Maba en wedasche opperhoofden, in Commissie - - - - - - – – – 34 „ verzeld van een Korporaal en twee burgers - - - - - - - - - - - - - „ ook wegens de afgave van enige andere kleinigheden - - - - - - - - - „ - „ uit levering van vijf boeroenesen - - - - - - - - - - - 32 „ ten overbreng van enige brienen - - - - - - - - - - - - - - - - - „ en een geschenkje aan de Papoesche Koningen - - – – – – – – – – – – — „ 55. waar op approbatie verzogt wordt - - - - - - - - - - - - - - „ „ _o - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 48 - „ 16. e e _o - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 47 _o - - - – – – – – – – - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ „ _o - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ „ - - - - – – – – – – – – – – – – – – – – „ - – „ „ - - - 26 „ „ - - ---–- -- „ 43 „ „ - - - - - - 24. 42 5. Pag: „ „ - - - „ „ - -– - - - - - - - „ 49. „ 5 51 35 56 zekere door 20: Alfoeren gepleegde moord aan een Europees en twee Tidoreesen Welke daaders egter de Koning van Ternaten beloofd heeft te zullen laten uitvorschen„ om aan de Comp:e overgeleveerd, en door dezelve gestraft te werden. overzending van zekere ordonnantie van den Koning van Ternaten. . .„ en eene verklaring van het voormeld ongeval. - - - - - - - - de Koning van Batchian voart tans over - - - - - - - - 36. wijl het gansch ongeraden is hem hier nog een Jaar aante houden - - – – - „ en brengt ook wat van stafgoud en Paarlen mede - - -„ de Commissie naar Kasiroeta is volbragt. . - - - - - - - - 37. volgens het overgaand Dogverhaal - - - - - - - - – –- de passjes op Dodingo en Macquian zijn verminderd van Bezetting - - - - - 38. met de Pantjalling de Kaneelboom - - - - - - - - - - - „ Bepaling der secrete seinen voor het aanstaande Jaar - - - - – – 40 en welke precautie omtrent de herwaarts komende schepen en vaartuigen„ diend geobserveert te werden - - - - - Aan den Gorontaals Koning Mono Arfa - - - - - - 45 is weder het gewoone honneur toegelegd - - - - - - - - - - „ Binnen korten zullen weder Eestripatien van specerij boomen ondernomen werden 42 en wil eerst op een of meer van de nevensgemelde Landen - - - - - - - Wanneer Poelo Pisang ook zal werden bezogt - - - - - - — — Daar na op Batchian - — — — Banda 's noordlot is met veel leedwezen vernomen - — maar Onbij ken zulks verzoekten - - — — de aanprijzing van dit Eiland - — - — vervolg de overgaande 31 p„s Oubijsche monsternooten - - - - - - zijn in haast geplukt, en daarom niet meer te bekomen geweest - - - „ de quantiteit van de op oubij te bekomene Foelij kan nog niet bepaald wer„ maar wel calculatie in 't aanstaande jaar — verzoek om meerder Contanten - - indien de Expeditie naar Mangindanao gevolg zal hebben - - - - „ zo mede om de Stuurlieden Gerrits en Marten - — - - - „ wegens hun goed gedragen merites - - — — De Cerammers van Batchian dienen - - - - - - - - - - - - - Onder de bescherming van de Comp.. . . . . - - - - — om redenen - - - - - „den - — - uit hoofde van het nevenstaande - - - - - - - - - - - - ingevolge van hunne inclinatie - - - - - - - - - – - - „ aldaar te blijven - - - - - - - - - - - - - - – - en opgenomen — — — — — — — — — — — — — — - „ Vervolg — — - - — — — 67 66 „ 59 60 62 61. „ 58 vervolg - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ - - „ 6 „ „ „ „ — - - - 44 68 - „ -- „ — — — — — - „ -- 1 —: — — 43 1 „ „ —— — 45 - – – – „ - 46 -— - „ - — — - — - - - – – – – – -: – – „ - 1 „ „ 63 39 3 „ - - - - „ 57 8 26 53 27 Batavia Aan zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edelen Gestrengen Groot Achtbaren Wijdgebiedenden Heere, Reijnier de Klerk Gouverneur Generaal, nevens De Wel Edele Gestrenge Heeren Raden Van Nederlands Indie n Hoog Edele Gestrenge Groot Achtbare Manhafte Wel Wijze Voorzienige Discrete zeer Genereuse Heer. Wel Edele Gestrenge Heeren! Bij dezen ter eerbiedige beantwoording van Hoog Edelheden veel g'eerde secrete brieven van den 6. ' Novem„ „ber en 31. December 1778 tredende, zo zullen wij daar in dezelfde Schikking volgen, als Hoogt dezelven heb¬ „ben

NL-HaNA_1.04.02_3556_0528 view scan ↗

English

the Bark de Jda has been decided. 12. which Ammunition Goods have been provided to the King of Ternaten in this Year would be pleased to observe; and thus here initially set down. That our secret Resolution of the 26th of August will provide Your High Excellencies the requisite elucidation concerning the conduct of the thirty-six remaining crew members of the captured Bark de Ida, and how this exceedingly disagreeable matter, after the obtained defense of the former Manado Resident Hemmekam, has been decided, whereupon the latter was also granted a seat again in our Assembly; but with respect to the further crew of that Bark and other persons who have fallen into the hands of the Mangindanau pirate raiders, and their fate in that Country, we have until today obtained no other positive report than what is stated in the Answers previously inserted into our secret Resolution of the 8th of July to several Questions put to a certain Makianese named Abdul: while we hope that the decision of that entire affair may meet with Your High Excellencies' honored approval. Regarding Your High Excellencies' remark concerning the Provisions of Ammunition Goods to the Kings 6. 1 28: Kings of Ternaten and Tidore, we have the honor to report that the first-named Prince, who already in the past year properly had returned to the Artillery the six 1-pound ball Cannons which were employed on the latest Expedition to Maba, also the four One-pounders which were placed on the six Korrakorras that served as Convoy for the private Bark of the Citizen Captain-Lieutenant Landauw which departed for Manado and Quandang, as well as those delivered at the same time: 200 pieces of ½ lb Swivel-gun shot 100 pieces of 1 lb ditto 40 pieces of 1 lb Long shot 40 pieces of 1 lb Grape shot 100 pieces of ½ lb ditto and 200 lb of Gunpowder. in this year has solely been accommodated with 4 pieces of 1 lb Cannons 800 lb of Gunpowder 350 pieces of ½ lb Swivel-gun shot 350 pieces of ½ lb Grape shot 100 pieces of 1 lb Shot 40 pieces of 1 lb Long shot and 40 pieces of 1 lb Grape shot for 55 cannon, and some ammunition lent therewith for the service of the four well-manned Korrakorras which recently accompanied the ship Delfshaven, of which mention was made in our general Advices, at 5 s. of the 5th section. §3. But on the other hand, of the items provided in the previous year to the six Tidorese Korrakorras sent to Maba: 300 lb of Gunpowder 6 pieces of 1 lb iron Cannons 240 pieces of 1 lb round long shot and 30 pieces of 1 lb Grape shot, the First Signatory, after all exerted Write-off of a piece of cannon, and some ammunition to Tidore's King efforts, could recover nothing other than Five of the mentioned six One-pounders; wherefore the remainder has been written off in the Books, charging the Account of the mentioned King for what is lacking, according to our secret resolution of the 14th of August last. With respect to this Expedition of the Tidorese, of 14. which nothing was written in the past year, we must note that the First Signatory has since received a defective report or actually only Z 29. concerning the Expedition of the Tidorese to Maba. 15 how to deal with the provided ammunition goods of Ternate's only a short Journal in that regard from the Corporal Isaak Kegel, of Report of the Corporal Kegel which he has already, among other secret annexes to his separate letter of the 29th of May of this year, offered a copy to Your High Excellencies, and now another is transmitted under No. 4; from which, however, the far-reaching perfidy of the Tidorese Court can also be seen in the recall of the mentioned Corporal; because then at Weda the dispatch of the two Korrakorras to Mangindanao had to be deliberate upon, and take place from there, as appears from the Copy Account accompanying this under No. 5 of the Wedarese Maroetaij and Kassie, which has also previously been sent along with the aforementioned letter. Concerning the provisions of Ammunition Goods formerly made to the Ternatan king should be dealt with. Korrakorras, we can state that no evidence has appeared to us that any improper use was made thereof; yet the return of the unused items to the Company's Warehouses seems 57 seems not always to have been observed, for otherwise so large a List of delivered Cannons and all sorts of Ammunition Goods would not be recorded in the Booklets of the Artillery, of which we now offer Your High Excellencies a copy under No. 6; but in order not to allow the one and the other, of which certainly most will have been fired and consumed, to continue running on in such a manner any longer, it were, in our opinion, best to have all that is lacking, after an accurate statement, written off in the Books, and to have the remaining articles found still in existence delivered back into the Artillery, as well as to continue doing so for the future as soon as one or another Expedition shall have been completed, for which we take the liberty to request Your High Excellencies' honored authorization, and at the same time to be elucidated whether the Cannons delivered on loan and likewise recorded in the mentioned List, along with the Ammunition belonging thereto, for the service of the Pier of the King of Ternaten, under his

Dutch transcription

„de Bark de Jda gedecideert is. 12. welke Amunitie-goederen in dit Jaar aan den Koning van Ternaten verstrekt zijn „ben gelieven in acht te nemen; en dus hier aanvankelijk ter nederstellen. Dat onze secrete Resolutie van den 26. Augustus hoe de zaak nopens de verover,„ uwe Hoog Edelheden de vereischte elucidatie zal toebrengen omtrent het gedrag van de ses en dertig over„ „geblevene Schepelingen van de verover de Bark de Ida, en hoe deze ten uitersten onaangename zaak, na de bekomene verantwoording van den gewezen Manado 's Resident Hemmekam, gedecideert is, wanneer de laatste dan ook weder sessie is gegeven in onze Verga¬ „dering; maar ten aanzien van de verdere Manschap dier Bark en andere personen, die in de handen der Mangindanauwsche Rovers zijn vervallen, en hun noodlot in dat Land, hebben wij tot heden geen ander positif berigt bekomen, als het geen vermeld staat bij de in onze secrete Resolutie van den 8e: Julij bevorens geinsereerde Beantwoording van verscheidene aan zekeren Macquiander, Abdul genaamt, gedaa„ „ne Vraagpointen: terwijl wij verhopen dat de decisie dier gansche affaire uwer Hoog Edelheden g'eerde approbatie zal mogen wegdragen. Op uwer Hoog Edelheden remarque nopens de Verstrekkingen van Amunitie-Goederen aan de Koningen 6. 1 28: Koningen van Ternaten en Tidore, hebben wij de eere te melden, dat de eerstgenoemden Vorst, die reeds in het gepasseerde jaar behoorlijk heeft laten terug leveren in de Artillerij de ses Kanons van een pond bals, welke op de jongste Expeditie naar Maba geëmploijeert zijn, ook de vier Eenponders, die op de tot Convoij van de naar Manado en quandang vertrokken particuliere Bark van den Burger- Kapitein-Luitenant Landauw gediend hebbende ses Korrakorras geplaats waren, zo mede de toen teffens afgevene. 200 p„s Baskogels van ½ lb d„o „ 1 „ 100. „ 40 „ Langscherp „ 1 „ 40 „ Druiven - - - „ 1 „ 100. „ d„o 200 lb Buskruit. in dit jaar eenlijk geriefd is met 4. p„s Kanons van 1 l: 800. lb Buskruit 350 p„s Baskogels van ½ „ 350 „ Druiven „ ½ „ 100 „ Kogels „ 1 „ 40 „ Langscherp „ 1 „ en 40 „ Druiven „ 1 „ „ ½ „ en ten 55 „non, en enige daar bij geleende ten dienste van de vier wel bemande Korrakorras, Welke onlangs het schip Delfshaven hebben verzeld, waar van in onze gemeene Adviesen mentie is ge„ „maakt, bij 5 s. van d' s:t afdeeling. §3. Maar daarentegen heeft de Eerste Tekenaar van de in den voorleden jaare aan de ses naar Maba afgezondene Tidorsche Korrakorras ver„ „strekte 300 lb Buskruit 6 p„s ijzere Kanons van 1. lb 240 „ ronden langscherp van 1: lb en 30. „ Druiven van 1 lb, na alle aangewende Afschrijving van een stuk ka„ popingen, niet anders kunnen wedererlangen, amunitie aan Tidors Koning dan Vijf van de gemelde ses Eenponders; weshalven het overige bij de Boeken is afgeschreven, met belas¬ „ting van de Rekening van den verzonden Koning voor het manquerende, volgens ons secreet besluit van den 14. ' Augustus jongstleden. Ten opzigte van dezen Togt der Tidoreesen, waar 14. van in het gepasseerden jaar niets geschreven is, moeten wij noteren, dat de Eerste Tekenaar zedert een gebrekkig verslag of eigentlijk maar Z 29. nopens de Togt der Tidoresen naar Maba. 15 hoe met de verstrekte amuni„ „tie-goederen van Ternaats werden. maar een kart Dagverhaal dien aangaande heeft Rapport van den Korporaal Kegel be komen van den Korparaal Isaak Kegel, waar van hij reeds onder andere secrete bijlagen van zijnen aparten brief van den 29. Meij dezes jaars aan uwe Hoog Edelheden een afschrift aangebo„ „den heeft, en tans weder een sub N=o 4: — over„ „gaat; uit welke egter almede te zien is de verre„ „gaande ontrouwe van het Tidorsche Hof bij de terug ontbieding van den ged: Korporaal; om dat toen op Weda de bezending der twee Korraorras naar Mangindanao moeste overlegt werden, en van daar geschieden, blijkens het dezen sub No. 5. verzellend Copia Relaas van de Wedareesen Maroe¬ „taij en Kassie, 't welk ook al eens afgezonden is nevens den voormelden brief. Belangende de eertijds gedaane verstrekkin¬ koning diend gehandelt te gen van Amunitie Goederen aan de Ternaatsche Korrakorras, kunnen wij bedeelen, dat ons geene blijken zijn voorgekomen, dat daar mede een kwaad gebruik was gemaakt; dog het terug bren„ „gen van het onverbruikte in Comp„s Pakhuisen schijnt 57 schijnt niet altijd geobserveert te wezen, want an¬ „ders zoude bij de Boekjes der Artillerij niet zoo eene groote Lijst van afgegevene Kanons en aller„ hande Amunitie- Goederen bekend staan, gelijk Wij uwe Hoog Edelheden daar van tans sub No. 6:— een afschrift aanbieden; maar om het een en ander Waar van zekerlijk al het meeste zal verschooten en verbruikt zijn, niet dusdanig langer te laten voortlopen, was het, onzes bedunkens, best, al het manquerende, na eene accurate opgave, bij de Boeken te laten afschrijven, en de overige nog in weezen bevonden wordende artikelen weder in de Artillerij te doen leveren, mitsgaders in„ „diervoegen voor het vervolg te blijven continueren, zo dra de eene of andere Expeditie zal volbragt zijn, waar toe wij de vrijheid nemen uwer Hoog Edelheden g'eerde qualificatie te verzoeken, en teffens geëlucideert te mogen werden, of de ter leen afgegevene en insgelijks bij de ged: Lijst genoteert staande Kanons, nevens de daar toe behorende Amunitie, ten dienste van het Zeehoofd van den Koning van Ternaten, onder zijn

NL-HaNA_1.04.02_3556_0533 view scan ↗

English

57 30. Fortress on Kajomera. may remain and be left to His Highness's acquiescence and responsibility! Necessity of a Although Your Right Excellencies were unable to accept the proposal made by the former Governor Valckenaer and the First Draftsman by secret letter of 13 August 1778 to construct a stone redoubt on Kajomera, due to the reasons alleged by Your Right Excellencies in your honored secret letter of 31 December of the previous year, we nevertheless feel obliged to bring to Your Right Excellencies' attention in all reverence that, in order to keep a watchful eye on the enemy, as well as to prevent transit and landing should he advance from the opposite shore of Tidor, or through the Spaniards' Bay, or through the Norway Channel, a fortress on Kajomera is most highly necessary and serviceable. It is indeed true that at night and unseasonable times, without being discovered by that fortress, one could cross over to land at Callamatta, 1. 6 Sassen, 59 Sassen, Titoe, and so forth up to Post Gammalamma, and indeed even at places situated further south; but on the other hand, one must also take into consideration: that not only are those places mostly inhabited by natives, who cultivate gardens there and sustain themselves by fishing, to whom the landing of the enemy would become known very quickly and subsequently in the negorij, but also in the inaccessible forests and along the trackless paths, also in the garden of the King of Ternate at Fitoe, it is so cut off by dreadful precipices and valleys that one cannot pass through without the greatest danger to life, and must therefore choose the road along the beach, and thus within the reach of the artillery on Kajomera; furthermore, so many Alfoors, Xullanese, and Ternatans always frequent those parts to seek their livelihood by hunting, and by tapping the sagoweer drink from those trees, that upon noticing the approach of an enemy, they would immediately have to inform us thereof. And since the First Draftsman clearly perceived the usefulness of such a fortress on Kajomera, and is made of its durability. and had weighed the necessary matters with the Captain Lieutenant of the Artillery Schmidt, where a redoubt had already been thrown up, he also, on account of the reports received during the past year concerning the arrival of the Papuans and the alliance of the Tidorese with the Magindanaos, proceeded undaunted to the already completed construction of the same, namely of fascines, revetted with grass sods and surrounded by palisades, according to the plan sent herewith and according to the present newest and best method in Europe; however, more fascines than usual were used for it, because it stands close to the seashore and a sufficient foundation had to be obtained beforehand; while Your Right Excellencies may please be assured of the durability of that work, even though it absolutely must first settle somewhat through the rotting of the fascines and then undergo a raising anew, which, however, will cost very little, indeed at most Three Hundred Rixdollars, to stand forever under the proper supervision of knowledgeable men, as is required for all fortification works; the new fortress having been completed in the space of fully four months; presently provisionally garrisoned with One reinforcement, and to which the King of Ternate One Corporal, six Privates, and one Gunner, provided with nine pieces on carriages, namely one six-pounder, four four-pounders, one three-pounder, and three two-pounders, and named Zeelandia, in the hope of Your Right Excellencies' gracious approval, which we respectfully request, as well as concerning its erection and the expenses incurred thereon, as evidenced by the account thereof inserted in our general Resolution of 30 August last, in consideration of being subject to the substantial utility intended thereby; and to which His Highness, the King of Ternate, has also contributed much through his Alfoors, who not only made the fascines under the direction of Captain-Lieutenant Schmidt, but also, for a small quantity or 140 jugs of arrack, felled all the trees that stood all around the fortress toward the mountains and toward the beach at a distance of one cannon shot, and cleared everything in such a manner that presently all those who wish to go from the lands and places situated to the south toward the negorij must pass by it, since the smuggling paths are now cut off and further access is made difficult and prevented by the deep valleys, which have become increasingly deeper and more dangerous over the past few years due to the heavy runoff from the mountains. has contributed much Garrison Name 65 32: 63 58. 30. The landing of an enemy between Kajomera and Voorburg is impossible, As to the landing between Kajomera and Fort Voorburg, namely at Talomamij, Tobohokko, and Boranda baroe, or the new valley, we can testify to Your Right Excellencies that this cannot take place without being discovered from Kajomera, Voorburg, or Castle Orange; for as soon as the enemy appears through the Tidor Channel, the Spaniards' Bay, and the Norway Channel, he is immediately seen from one of those strongholds before a landing can even be attempted; and Your Right Excellencies are furthermore pleased to know that, besides the [illegible] for Talamanij, Tobohokko, and Branka baroe, on

Dutch transcription

57 30. Fortres op Kajomera. zijn Hoogheids berusting en verantwoording mogen blijven en gelaten werden! schoon uwe Hoog Edelheden de door den Noodzakelijkheid van een afgeganen Heer Gouverneur Valckenaer en den Eersten Tekenaar bij secreten brief van den 13 e Augustus 1778. gedaane propositie, om een stee¬ „ne schans op Kajomera aanteleggen, wegens de daar van bij Hoogstderzelver gevenereerde secrete Letteren van den 31e. December Ao. Pr. geal¬ „legueerde redenen, niet hebben kunnen ampleete„ „ren, vinden wij ons tog verpligt uwe Hoog Edelhe„ „den in alle eerbied onder het oog te brengen, dat, om een waakend oog op den Vijand te hou„ „den, mitsgaders de passage en het landen te beletten, wanneer hij van de overwal van Tidor, of door de Spanjaards Baaij dan wel het Zee„ „gat van Noorwegen mogte inkomen een Fortreg op Kajomera ten hoogsten nodig en dienstig is. Het is wel waar, dat men bij nagt en ontij„ „den, zonder dat Fortres ontdekt te werden, zoude kunnen oversteeken, om op Callamatta, 1. 6 Sassen, 59 sassen, Titoe en zoo verder tot de Post Gammalamma, Ja zelfs op nog zuidelijker leggende plaatsen te lan„ „den; maar daarentegen moet men ook in aanmer„ „king nemen: dat niet alleen die plaatsen meest door Jnlanders bewond zijn, alwaar te Tuinen maken en zig met de Vischvangst erneeren, aan welken de landing van den Vijand al heel schielijk en vervolgens in de Negorij zoude bekend werden, maar ook in de ontoegangstelijke Bosschen en langs de ongebaande wegen, ook in den Tuin van den Koning van Ter„ „naten op Fitoe, zoodanig afgesneden van ijsselijke steiltens en valeijen, dat men 'er niet dan zonder het grootste levensgevaar kan doorkomen en daarom den weg langs de strand, en niet als onder het bereik van het geschut op Kajomera Kiezen moet, altoos zoo veele alfoeren, Xullanesen en Ternatanen zig ophouden, om hun levensonder„ „houd te zoeken met de Jagt, en den saguweer- drank uit die boomen te tappen, dat ze de aannadering van een Vijand gewaar wordende, ons daar van terstond zouden moeten informe„ „ren En dewijl de Eerste Tekenaar het uit van Zulk een Fortres op Kajomera wel ingezien, en alswaar is van dies dui 57 461 61. is van Faseines etc: dies duurzaamheid. en met den Kapitein Luitenant der Artillerij alwaar reeds een opgeworpen Schmidt het nodige onverwogen hadt, is hij ook¬ uit hoofde van de in den gepasseerden jaare in„ „gekomene berigten van de komst der Papoeen en Alliantie der Tidoresen met de Manginda¬ „naors, onbeschroomd overgegaan tot de reeds volbragte opwerping van het zelve, en zulks van Fascines, met gras zooden bekleed en Pallisaden omringd, naar het hier nevens gezon¬ den wordende Plan, en volgens de tegenswoor¬ „dige nieuwste en beste manier in Europa, dog Waar toe nu meer Fascies, als anders gebruikt zijn, Wijl het digt aan de Zeestrand staat, en men vooraf een suffisant fundament moest hebben; terwijl uwe Hoog Edelheden gelieven verzekert te wezen van de duurzaamheid van dat Werk, alschoon het absolut eerst, door de verrotting der Pascines, wat zakken, en dan weder op nieuw eene verhoging ondergaan moet, 't geen egter zeer weinig, ja op zijn hoogst Drie hon„ „dert Rijksdaalders zal kosten, om voor altoos stand te houden onder goede toezigt van kundige luiden ge„ „lijk zulks bij alle Fortificatie-werken vereischt wardt; de zijnde het nieuwe Fortres in den tijd van ruim Vier maanden voltooid; tans bij provisie met Een versterking, en Waar toe de Koning van Ter„ „naten len Korporaal, ses Gemeenen en een Buschieter bezet, van negen stukken, te weten een van ses, vier van vier„ een van drie, en drie van twee ponden bals op Rampaarden voorzien, en genaamd Zeelandia, in hoope van uwer Hoog Edelheden gratieuse goed„ „keuring, welke wij eerbiediglijk insteren, zo wel als omtrent dies opwerping, en de daar aan besteede ongelden, blijkens derzelver Rekening, ge„ „insereert in onze gemeene Resolutie van den 30. de tuss Augustus laatstleden, uit consideratie van het daar voor mede bedaelde wezentlijke nut onderworpen te zijn; en waar aan zijn Hoogheid, de koning van Terna„ ten ook veel toegebragt heeft door zijne Alfoe„ „ren, die niet alleen de Fascines, met aanwijzing van den Kapitein- Luitenant Schmidt, gemaakt; maar ook voor eene geringe quantiteit, of 140. kannen Arak, rondom het Fortres berg en strandwaarts, op de distantie van Een Ka„ „nonschoot, alle de daar gestaan hebbende boo„ „men omgeveld, en alles zoodanig schoon ge„ veel gecontribueert heeft „ maakt hebben, dat tegenwoordig alle degenen die zig van de bezuiden gelegene Landen en zond plaatsen 10:1 „„20 Bezetting Naam 65 32: 63 58. 30 „ de landing van een vijand tusschen Kajoniera en Voorburg is ondoenlijk, plaatsen naar de Negorij willen begeven, langs het zelve moeten passeeren, alzoo de smokkelwegen nu doorsneden zijn, en de verdere toegang moeijelijk gemaakt en verhindert wordt door de diepe Vale„ „ijen, welke zedert enige jaren met de sterke afwa„ „teringen uit het gebergte al meer en meer dieper en gevaarlijker geworden zijn. Wat nu de landing tússchen Kajomera en het Fortje Voorburg betreft, namelijk op Talomamij, Tobohokko en Boranda baroe, of de nieuwe Va„ „leij, kunnen wij uwe Hoog Edelheden betuigen, dat zulks niet kan geschieden, zonder van Ka„ „jomera, Voorburg of het Kasteel Orange ont„ „dekt te werden; want zo dra de Vijand door het Zee-gat van Tidor, de Spanjaards Baaij en het Gat van Noorwegen ten voorschijn komt, wordt hij terstond van een dier sterktens zonder ontdekt te werden gezien, eer dat de Landing eens kans onder„ „nomen werden; en Hoogst dezelven gelieven buiten dien te weeten, dat, behalven de voor Talamanij, Tobohokko en Branka baroe op

NL-HaNA_1.04.02_3556_0538 view scan ↗

English

How one can be completely covered. Pantjallings lying on watch, as well as the beach there, and so further southward past Gammalamma or the Spanish Fort, are always occupied by armed Alfurs whenever the slightest sign of the Enemy is perceived, who also have their small swift vessels with them. But if your High Nobilities could only proceed to the desired decision, not only to have such small Fortresses, like that of Kajomera, or Redoubts erected at the three last-mentioned places, but also to have the entirely decayed pier repaired and further extended, in order to maintain communication with Voorburg through the placement of four Cannons at the End of the same and at the same time to cover this post; all of which, taken together with the Fortress of Kajomera, will after all cost no more than the sum of Twelve thousand Rixdollars already stated in the past year for a Stone entrenchment, and the extension of the pier outside the Castle. Difficulty of landing north of the same. Which also serves to be improved and repaired. Besides that it becomes daily more and more necessary and strictly required, because the fairway is already so silted up by the accretion of the Reef lying before it, that no small Prow, much less lighter vessels, can approach the Pier except at high tide; then one would, according to the rules of military science, consider oneself completely safe, and find oneself better covered along the entire South side of the Castle, which likewise must be remedied of its defects without delay, and otherwise repaired in such a Manner as is clearly demonstrated in an accompanying Report under No. 8 and 9 and the Plan belonging thereto by Captain Lieutenant Schmidt, together with the calculative statement of the Costs under No. 10; while landing north of this Castle will prove rather more difficult for a Native Enemy than one might currently imagine, since the well-disposed King of Ternate almost always has his greatest force in that vicinity, and the Alfurs with their Vessels lie on watch day and night from the small Fort Tolucco to Xulla Taconij, in readiness to confront the enemy; wherefore also no vessel can come up between the Island of Hirie and Ternate without them noticing it. Manado and Kema. Where the Alfurs are also kept at full strength. Manado, Amoerang, and Kema are certainly the principal places that are most exposed to the Enemy force; but if they met with a stout resistance at Manado the last time, they shall experience it considerably more strongly in the future, and no less at Kema, since one is now in a better state of defense at both those Possessions through the improvement of the Fortification works; and your High Nobilities may moreover rely upon the diligence of the first Underwriter to keep the Alfurs over there always at full strength. Batchian is presently recommended to Roksen for the adjacent reasons. Batchian, having now been completely ceded to the Dutch Company, as appears from the solemn proof thereof given, which is inserted in our secret Resolution of 26 August last, is presently, pursuant to the decision taken on that day, entrusted to the good care and courage of Ensign Roksen, who also was stationed there for many years previously as Postholder to the greatest satisfaction of his Superiors, and is very beloved among that Nation; all the more because one must not place too much reliance on the goodwill of the Crown Prince, partly because his full sister, who still resides with him, was essentially married off to the notorious Hadje Oemar through his doing, and partly because of his rather great, now all too apparent lust for power and strong attachment to the Ceram people, which the First Underwriter has perceived in him more than once; just as he is besides of a hot-tempered and rash nature, while the King of Ternate, by reason of these unfavorable omens, is not very taken with him; but as that Prince sees in the arrested King, his Uncle, a living proof that evil does not go unpunished, it is to be hoped that he may adhere to no other Maxims of State than those that accord with the interest of the Company. Thanks for passing the write-off of what was lost in the surprise attack on the Oubij post, the restoration of which. The write-off of the Ammunition and other Goods lost in the surprise attack on the Post at Oubij having been passed by your High Nobilities, we express our humble thanks therefor, and report regarding that Post that, however necessary its restoration may be, it is nevertheless by no means advisable to undertake it as yet. To what the bad outcome of all expeditions against the Mangindanaors with Korrakorras is to be attributed. To the little zeal and sluggishness of the Ternatans must in truth honestly be attributed the bad outcome of all expeditions against the Mangindanaors with Korrakorras; for however great service the Alfurs are to the sluggish Ternatans in all hostile encounters, they are nevertheless treated by them in a contemptuous manner, and even sometimes mistreated, on account of their aversion and reluctance toward the Mohammedan Religion, and are therefore always placed under the command of such Chiefs who, in going to meet the Enemy, expect victory through their Prayers rather than seeking it by means of arms.

Dutch transcription

Hae men volkomen kan gedekt zijn. op brandwagt leggende Pantjallings, ook de strand aldaar, en zoo verder Zuidwaarts tot voorbij Gam„ malamma of het spaansche Fort, wanneer het minste van den Vijand wordt vernomen, steeds met gewapende Alfaeren bezet is, die teffens hun„ ne klijne gezwinde Vaartuigen bij han hebben: maar konden uwe Hoog Edelheden eens overgaan tot het gewenschte besluit, om niet alleen op de drie laatstgemelde plaatsen zulke Fortresjes, gelijk dat van Kajomera, dan wel Redouten te laten opwerpen, maar ook het geheel en al vervallen zeehoofde te doen herstellen, en verder 't uitzetten, ten einde door de plaatzing van vier Kanons op het End van hetzelve commu„ „nicatie met Voorburg te hebben en deze post teffens te dekken, welk een en ander tog, met het Fortres van Kajomera te zamen genomen, niet meer zal komen te Kosten, als de reeds in den gepasseerden jaare opgegevene somme van Twaalf duizend Rijksdaalders voor een Steene schans, en de uitzetting van het zeehoofde bui„ „reert „ten e 65 33. Kasteel. „reert te werd. Boezwaarlijkheid der landing: benoorden het zelve „ten dien al dagelijks meer en meer noodzakkelijker, en volstrekt vereischt Wordt, wijl de Kil bereeds zoo toegespoeld is door den aanwas van het daar voor„ „leggend Ris, dat geen klijne Prauw, veel minder losvaartuigen, anders dan bij hoog water het Hoofd kunnen naderen, dan zoude men zig, naar de rege„ „len der krijgkunde, volkomen veilig achten, en aan den ganschen zuidkant van disbeter gedekt vinden aan den ganschen Zuidkant van het Kasteel, 't welk almede van zijne ge¬ „breken, zonder verzuim, dient verholpen, en ove„ rigens gerepareert te werden op dusdanige Wijze, als duidelijk aangetoond word bij een dezen, sub N=o 8: 9. verzellend Berigt en het daar bij 't welk ook diend verbetert en gerepa behorende Plan van den Kapitein Luitenant schmidt nevens de calculative opgave der Kosten en onder N„o 10:; terwijl het landen benoorden dit Kasteel vrij bezwaarlijker. voor een Jnland¬ „schen Vijand zal vallen, als men zig tans Wel — voorstelt, nadien de Welmeenende Koning van Ternaten daar omstreeks altoos zijne grootste magt heeft, en de Alfoeren met hunne Vaartuigen van het Fortje Tolucco tot Xulla Taconij bij dag en nacht op brandwagt 65 de Manado en Kema V. 9. daar ook de Alfoeren. voltalig worden gehouden Batihien is tegenswoordig aan„ „bevalen § 10 brandwagt, en in gereedheid leggen, om den vijand tegentegaan, waarom dan ook geen vaartuig tusschen het Eiland Hirie en Ternaten aan Rok kan opkomen, zonder dat zij het gewaar werden. Manado, Amoerang en Kema zijn zekerlijk de voornaamste plaatsen, die 't meest geexponeert zijn aan de Vijandelijke macht; maar hebben zij op Manado de laatste keer een kloeken tegenstand ontmoet, zo zijn tan in een beterstaat van desen e zullen ze dat in 't vervolg vrij sterker ondertinden, en niet minder op Kema, daar men nu op die beide Bezittingen in een beter staat van defensie is door de verbetering der Fartificatie werken; en uwe Hoog Edelheden mogen zig daar en boven verlaten op de attentie van den eersten Tekenaar om de Alfoeren ginder steeds vol„ „tallig te doen houden. Batchian, als nu volkomen afgestaan — Zijnde aan de Nederlandsche Maatschappije, blijkens het daar van gegeven solemneel bewijs 14 . 1 34. 64 Roksen. om de nevenstaande redenen 't welk geinsereert is in onze secrete Resolutie van den 26. Augustus laatstleden, is tegen„ & ingevolge van het ten dien dage genomen besluit „woordig aan de goede Ordre in kloekmoedig„ aan de goede zorg van den vaandrig„heit van den Vaandrig Roksien aanbetrouwd, die daar ook voor dezen langen jaren gelegen heeft als Posthouder tot het grootste genoegen zijner Gebieders, en zeer bemind is bij die Natie; te meer, wijl men op de Welmenendheid van den Kroonprins niet te veel Staat mag maa¬ „ken, eensdeels, om dat deszelfs nog bij hem Woonende lijflijke zuster, meest door zijn toedoen Wezentlijk uitgetrouwd is aan den berugten Had¬ „je Oemar, en ten anderen wegens zijne vrij groote nu alte blijkbaare Heerszugtigheid, en Ster¬ „ke aankleving aan de Cerammers, die de Eerste Tekenaar meer dan eens in hem bespeurd heeft, gelijk hij ook buiten dien van een driftigen en oplopenden aart, mitsga„ „ders de Koning van Ternaten, uit hoofde van deze ongunstige voortekens, met zoo zeer met hem ingenomen is; dan daar die Prins aan den gearresteerden Koning, zijnen Oom, een leven„ „dig bewijs ziet, dat het kwaad niet ongestraft. blijft, is het te hoopen, dat dezelve geene andere staats 67 het verlorene. bij de overromppeling der Oubijsche welkers herstelling. 312. Waar aan het slegt gevolg Mangindanaors. 6 met Karra korras toete schrijven is. Staats-Maximen moge toegedaan wezen, als die met het belang der Maatschappije Strooken. dank voorhet paseren der afstheping de gedane afschrijving der bij de overrompeling van de Post te Oubij verlorene Amunitie en andere Goederen door uwe Hoog Edelheden gepasseerd zijnde, betuigen wij daar voor onzen nedrigen dank, en mel„ „den ten aanzien die r Post, dat zoo noodwendig als door derzelver herstelling- ook zij, het egter geenzins raad„ „zaam is zulks als nog te ondernemen. Aan de Weinige ijver en traagheid der Ternataanen moet men in der waarheid eerlijk toeschrijven het van alle uitrustingen tegen de slegt gevolg van alle uitrustingen tegen de Mangin„ „danaors met Korrakorras van hoe grooten dienst en uit ook de Alsoeren zijn voor de loome Ternatanen in alle vijandelijke ontmoetingen, zo worden zij nogtans door dezen op eene verachtelijke wijze bejegend, en zelfs zomwijlen mis„ tegen „handeld, wegens hunne afkeer en weerzin door den Mahomedaanschen Godsdienst, en daarom steeds onder het bevel van zulke Hoofden gesteld, die den Vijand tegengaande, nderho de overwinning, eerder door Gebeden bij hun„ „ning verwagt maar ing „nen van geoet. 8

NL-HaNA_1.04.02_3556_0543 view scan ↗

English

one expects the best effect from the provisions made against it one is vigilant against false friends attempt to gain their profit and all kinds of artifices rather than by fighting weapon in hand, and thus also hold back the courage and bravery of their defenders for so long that the enemy meanwhile gains enough time to make his move. But on the other hand, the noble as well as fair way of thinking of Your High Excellencies concerning fighting without reward is no less well-founded, against which Your High Excellencies have kindly been pleased to provide so favorably for the future, and from which we expect the best effect with regard to the two hundred and ten Alfurs who were recently placed on the ship Delfshaven. Section 13. To be vigilant not only against the Cajelians, Sontolijans, and Bwooleans, but also against all such other false friends, is strictly required in prudent governance; and therefore we have also been unable to accede to the request postponed for the time being under certain fair promises the strong requests, very powerfully presented by the former Quandang Resident Durr in his letter of October 9, 1778, of the Bwooleans currently residing there, to once again enjoy the Company's protection and to that end to have a post on Palilla for their security and the warding off of smugglers. But to delay the matter for the time being, we replied that before being able to decide on that, or earnestly present that request to Your High Excellencies, one needed to know the true condition of the Palilla gold mines and the place where a new fortress could conveniently be built; upon which the re-establishment of that post would much depend, but especially upon the apprehension of the Bwool Regent Marcus Ponto, because he had, several years ago, or actually in the year 1772, during the surprise attack on the post at Palilla, treacherously delivered four Europeans, namely a corporal and three soldiers, into the hands the apprehension of the Bwool Regent Marcus Ponto his arrival here of the Bugis to be murdered by them, and besides that still daily perpetrated many outrages. We had never expected that this apprehension of the said faithless Regent would have been carried out so quickly, and his arrest and sending hither accomplished so easily, as we witnessed on the eleventh of August, when that traitor was brought here in irons with a Ternatan prahu from Manado, to which place he had been transported with an express vessel along with a letter from Durr, and was secured by us in the main guardhouse due to a lack of dungeons, where we intended and secured in the main guardhouse to leave the villain in custody until such time as some Bwoolean chiefs, who according to the writings of the aforementioned Durr were to come hither to testify against their Regent and confront him in our presence with all his villainous deeds against the Company, should have arrived here; all the more because in these busy to be examined subsequently yet he hastened his death times, which are pursued by one weighty event after another, there was no opportunity to bring that scoundrel to trial, though meanwhile intending, if he came to confession, to give him his just deserts here and to show others how one punishes treason. But Ponto, who must not have liked his lodgings, or who must have been convinced in his conscience that he had merited the severest punishment for his committed outrages, hastened his death through an unforeseen event on the 5th of this month at about three o'clock in the morning, and shortly thereafter was hanged by the executioner from a tree standing to the side of the castle gate, as a deterrence to the natives and some satisfaction to the embittered soldiers, as Your High Excellencies may see in more detail concerning the said Ponto hanged from a tree from the extracts enclosed under No. 11. the Sangir petty kings remain loyal still and have not suffered much annoyance from the Maguindanao this year they are invited hither The Sangir petty kings continue to persevere in their loyalty to the Company and protect their country, particularly those of Siau, although this year they have not suffered much annoyance from the Maguindanao pirates. The First Signer has invited some of those Regents, but primarily those of Siau and Tabukan, as having the greatest power and subjects, to come hither in order to devise with them such means as can initially be employed to check the progress of the said pirates, which causes so many misfortunes. yet they requested a postponement and therefore another means was devised Yet by letters they requested a postponement until the enemy shall have returned to his country, and thus none of them has appeared here yet; which has caused us to take another course to meet them in these dangerous times.

Dutch transcription

64 35. maer gaan de daar tegen gedaane voorzie„ derwagt men het best effect tegen Valsche vrienden is men waak„ zaam ling van. „nen Profect en allerhande konstenarijen, als met de Wapenen in de Vuist tragten behaalen, en dus dan ook de moed en dapperheid hunner bescher„ „mers zoo lange tegenhouden, dat de vijand intus„ „schen tijds genoeg gewint zijn spat te zetten, Maar daarentegen is de zoo edelmoedige, als billijke den kingswijze van uwe Hoog Edelheden, omtrent het vegten zonder belooning, niet minder gegrond¬ Waartegen Hooget dezelven voor het vervolg zoo gunstiglijk hebben gelieven te voorzien, en daar wij de beste uitwerking van verwagten ten aanzien van de twee honderd en tien Alfoeren, die onlangs op het schip Delfshaven geplaatst zijn. S. 13. Niet alleen tegen de Cajelireesen, Son¬ „tolijreesen en Bwoolereesen, maar ook tegen alle zulke andere Valsche Vrienden Waakzaam te zijn, wordt volstrekts vereisch in eene voorzigtige Regeerkunde; en derhalven „derhalven heeft men de herstelr hebben wij ook niet kunnen treeden in de sterke en door den gewezen Quan„ door hunne Hoog Edelheden „dangs 69 de depolscte dot op de lange baan geschreven. onder zeker ontesnade beloften. „dangs Resident Durr bij zynen brief van den 9. ' October 1778. zeer kragtig voorgedragene aanzoekingen der tans aldaar domicilierende de op Bwoloreesen, om weder Comp s bescherming gent te mogen genieten en ten dien einde een Post, tot hunne beveiliging en afweering van smok„ „kelhandelaars, op Palilla te hebben, maar daar op, om het vooreerst op de lange baan te schuiren, geantwoord, dat men, alvorens daar over te kunnen disponeren, of dat ver„ „zoek met ernst aan uwe Hoog Edelheden voordragen, de regte gesteldheid der Palillasche Goudmijnen, en de plaats, waar een nieuw For„ „tres gevoeglijk zoude kunnen werden gemaakt diende te weeten; waar van de restabiliering dier Post veel zoude dependeren, dog wel in„ „zonderheid van de opligting van den wools Regent Marcús Ponto, wijl hij vier Europeesen, als een Korporaal en drie Soldaten, voor enige jaren of eigentlijk in A„o 1772; bij de overrompeling van de Post te Pallila verraderlijker Wijze in handen 18 36: de spligting van Dowools Re. d. 14. gent Marcus Ponto zijn komst alhier handen van de Boegineesen hadde geleverd, om door hen vermoord te werden en buiten dien nog dagelyks veele wanbedrijven perpetreerde Wij hadden nimmer verwagt, dat deze opligting van gemelden trouwloosen Regent zoo spoedig, en zijne arrestering en herwaartszending zoo ge¬ „makkelijk zoude zijn ter uitvoer gebragt, als Wij op den Elfden Augustus ontwaarden, Wanneer dien verrader alhier met een Ternaatsche Prauw van Manado, tot welke plaats hij met een expres Vaartuig nevens een brief van Durr was getranspor„ „teert, in de boeijen wierd aangebragt, en door ons zoodanig mits gebrek aan Kerkers, in de Hoofd„ en sewvering in de Hoofdwagt „wagt gesecureert, alwaar wij voornemens waren den schurk in hegtenis te laten, tot tijd en wijle enige Bwoloreese Hoofden, welke, volgens Schrij¬ „vens van voornoemden Durr, herwaarts stonden te komen, om tegen hunnen Regent te getui¬ „gen en hem alle zijne snoode bedrijven je„ „gens de Compagnie in onze presentie voor de Ogen te leggen, alhier zouden zijn gearri¬ „veert, te meer, dewijl men in dezen druk„ „ken 71 om vervolgens geexamineert te werden. dog hij heeft zijn dood verhaalt „ken tijd, die van het een gewigtig Evenement op het ander agtervolgd wordt, geene; gelegen¬ „heid hadde om dien Booswigt tot onderzoek te brengen, dog middelwijl van begrip was nog hem, indien hij tot confessie Kwam, hier ter plaatse loon naar werken te verschaffen en anderen te toonen hoe men verraad weet te Straffen. Dog Pouto, wien zijn Logement niet wel moet behaagd hebben, of die in zijn geweeten overtuigd geweest moet zijn dat hij de allerzwaarste straffe voor zijne gepleegde Eu„ „veldaden gemeriteert hadde, heeft zijn dood, door zij een onvoorzien geval op den 5 dezer circa drie uuren in den morgenstond, verhaart, en is kort daar op door den scherpregter, tot afschrik van den Jnlander, en enige satisfactie der verbitterde dog Militairen, aan een ter zyde van het Kas¬ „teel Hek staande boom opgehangen, nis aan een boom opgehangen, gelijk uwe Hoog Edelheden het een en ander„ mid met relatie tot gem: Ponto, breedvoeriger kan F de Sangirsche Koninges blijven nog trouw, en hebben in dit jaar niet veel aanstoot geleden van de mangind„ zij zijn herwaarts genodigd. middel bedagt. Kan blijken bij de sub N„o. 11:- overgaande Extracten. E De Sangirsche Koningjes blijven in E húnne trouwe voor de Compagnie volharden, en hun Land beschermen, in 't bijzonder die van Chiauw, Schoon zij in dezen jare van de Mangindanosche Roovers niet veel aanstoot geleden hebben. De Eerste Tekenaar heeft enige dier Regenten, maar voornamelijk die van Chiauw en Taboekan, als de meeste magt en onderdanen hebbende, herwaarts genodigd, om met hun zulke middelen te beramen, als 'er voor eerst Kunnen te werk gesteld werden tot stuiting van de zoo veele onheilen verwek„ „kende voortgangen der gemelde Zeeschuimers; dog hebben uitstel verzogt. dog zij hebben bij brieven zoo lang uitstel ver„ „zagt, tot dat de vijand weder naar zijn Land zal gekeerd zijn, en dus is geen derzelven als en daarom heeft men een anderog alhier verschenen; 't geen ons een ande„ „ren weg heeft doen inslaan, om hun te gemoet te komen in deze gevaarlijke tijden 37. 73 25 73

NL-HaNA_1.04.02_3556_0548 view scan ↗

English

by sending a commissioner, with the necessary orders to accommodate the Sangirese petty kings, etc. by sending an experienced person to the Sangir Islands, for which purpose we have appointed the Junior Merchant Hemmekam, who is to depart thither shortly with the well-armed pantjalling De Windhond with such orders as the accompanying Instruction Points, sub No. 12, indicate, from which Your High Excellencies may also perceive, if you please, that in addition to some linens for the exchange of coconut oil or cash sale, he has also been provided with one thousand pounds of gunpowder to distribute among the aforementioned petty kings and their grandees according to each person's need and to deliver at purchase price, in fulfillment of Your very esteemed authorization, for which we express our humble gratitude, because this great bestowal of favor will certainly make them adhere to our interests all the more strongly, since loyalty is generally cultivated by trust. Although the projects of the Maguindanaos seem somewhat incredible, it is nevertheless certain and sure that they are becoming from time to time of greater notice, and absolutely compel the Company to take the most serious measures against them for the preservation of the Moluccas, nay even of Amboina, Banda, and Makassar, to which the precious spice trade, as the principal main artery of the Company, if not the only remaining prop and stay of its greatest power and wealth in this part of the world, is mostly tied. Not only the account of the Makianese Abdul cited at Section 1, but also the Gorontalo and Kwandang reports currently transmitted under No. 13, in which the latter seem to confirm quite a lot of the former, merit at least sufficient belief that one may well assume that an enterprise of importance is underway among the Maguindanaos, whether by them alone or joined with a Spanish force, of whose assistance one can scarcely doubt any longer, because we find (subject to wiser correction) no contradiction in an authorization granted for that purpose to the Governor of Manila, or to that of Zamboanga, as soon as we recall, besides other occurrences, merely the incident on the Coromandel Coast between the British, joined with the troops of the Nawab of the Carnatic, and our armed forces before the coastal village of Nagore, at a time also when our Republic was living in full peace and harmony with their Court; the more so, since the Spaniards have for many consecutive years been subjected to the piracies of the Maguindanaos, and are now left in peace; but whether that authorization is merely limited to the protection and defense of the Kingdom of Maguindanao, or is more extensive, is another question, which will only be answered in the course of time. Paragraph 17. However much we wished to be in a position to elucidate truthfully to Your High Excellencies regarding the actual cause of the hostilities of the Maguindanaos, we must nevertheless conscientiously confess to have been able to obtain as yet no other well-founded reports thereof than those which the former Governor Valckenaer and the First Signatory shared with You in the past year by secret letter of 28 August, besides what was mentioned in the general advices under the answered items of the Extract from the Most Venerated Patria General Missive of 30 October 1776; but on the other hand, it is more than probable that the said Nation, whom Valentijn, in his Oud en Nieuw Oost-Indien, 1st volume, pages 26 and 27, in the Description of the Moluccas, already portrayed as very cunning and predatory, will never cease their piracies as long as they navigate the seas and can overtake helpless strangers. Paragraph 18. The First Signatory promised Your High Excellencies in his separate letter of 29 May last to have the honor of conferring further with You about the impossibility of the projected expedition to Maguindanao in this year, and in order dutifully to comply therewith, we shall state beforehand that although we cannot deny that Your High Excellencies have contributed everything that was possible to enable us to do so, it nevertheless could not be done in that completeness

Dutch transcription

door het zenden van een gecom„ „mitteerde, met de nodige orders. „gens Lijwaten. de sangerische Vortjes etc om hun te gemoet te komren tijden, door het zenden van een ervaaren persoon naar de Sangirsche Eilanden, waar toe wij den Onderkoopman Hemmekam hebben benoemd, die eerstdaags met de wel gearmeerde Pantjalling de Windhoud derwaarts staat te vertrekken met tot zoodanige orders, als de hier nevensgaande Instructie Pointen, sub No. 12, aanwijzen, bij wel¬ en maa „ken uwe Hoog Edelheden, des gelievende, die ook olie moet inruilen te „ ook kunnen ontwaren, dat hem, behalven eni„ „ge Lijwaten ter inruiling van Klappus-Olie, dan wel Contanten verkoop, nog Een duizend ponden Buikruit worden medegegeven, ten einde onder de voornoemde Vorstjes en hunne Grooten„ naar maate van elks benodigdheid, te verdeelen en donskrut verdeelen onder en afte geven tegens inkoops prijs, in nakoming van Hoogstderzelver veel g'eerde qualificatie, waar voor wij onze nedrige verpligting betui„ „gen, want deze groote gunstbewijzing zal hen zekerlijk onze belangen des te sterker doen aankleven, om dat de Trouwe doar„ me „gaans E ƒ 22 38. 23. de digieten der Mangind„s vor„ „den van tijds tot tijd gevaarlijker maatregelen daar tegen tot behoud der moluccos enz: en den specerij handel. berigten meriteren enig geloosen doen, ons veronderstellen. „gaans door het vertrouwen gekweekt wordt. Alschoon de Projecten der Mangindanaors enigzins ongelovelijk schijnen, is het egter vast en zeker, dat dezelven van tijd tot tijd van groo„ „ter opmerking worden, en de Compagnie vol„ „strekt noodzaaken, om in de ernstigste maat„ en vereisschen de ernstigste regelen daar tegen te treeden, tot behoud der Molúccos, ja zelfs van Amboina, Poan „da en Macasser, waar aan de dierbaare Specerijhandel, als de voornaamste hartader der Maatschappije, zo niet de nog enigste stut en steun van haar grootste magt en vermogen in dit Waerelddeel, meestendeels de dientwegen ingekomene verknagt is. Niet alleen het verhaal van den bij 3. 1. aangehaalden Macquiander Abdul, maar ook de tans onder N„o 13. overgezonden Wordende Gorontaalsche en Quandangsche berigten, bij welke laatsten nog al veel van het eerste Schijnt bevestigd te werden, meriteren ten minsten in zoo verre geloof, dat men daar wel„ „ r „ 75 24: dat bij hen iets van gewigt in tel is. waar in geen Contradictie op „gesloten legt. daar op wel mag onderstellen, dat onder de Mangindanaars eene onderneming van gewigt in tit is, 't zij door hen alleen, of geconjungeert met eene Spaansche magt, aan welkers assis¬ „tentie bijkans niet meer mag getwyjffeld wer„ met assistentie der spaanjaarden „ den, want wij vinden (:onder wijzere correctie) geen tegenstrijdigheid in eene daar toe verleende qualificatie aan den Manilha 's Gouverneur, dan wel aan dien van Samboangan, zodra „we ons, buiten andere Gebeurtenissen, maar te binnen brengen het voorval op Chorman„ del tusschen de Britten, verenigd met de om nevenstaande redenen. Troepen van den Nabab van Carnatica, en onze Krijgsmagt voor het Zeedorp Naver, in een tijd ook, dat onze Republick in vollen vrede en harmonie met hun Hof Verseer¬ „de; te meer, wijl de Spanjaarden veele agter¬ „eenvolgende jaaren onderworpen zijn ge„ „weest aan de Rokerijen der Mangindanaors, en No 25 39. maar tot hoe ver die hulp be„ „paald is. moet de tijd leeren. die oorzaak der Mangindanosche vijandelykheden is tot nog toe niet unte vesseren: en tans in rust werden gelaten; maar, of die qualificatie eenlyk tot de bescherming en verdediging van het Rijk van Manginda¬ „naa bepaald, dan wel uitgestrekker zij. is eene andere vraag, die eerst in vervolg van tijd zal kunnen beantwoord werden. §17. Hoe gaarne wij ook wenschten in Staat te zijn uwe Hoog Edelheden naar Waarheid te eluci¬ „deren omtrent de eigentlijke oorzaak der vijandelijk„ „heden van de Mangindanaors, zo moeten wij egter na gemoede bekennen daar van als nog geene andere gegronde berigten te hebben kunnen bekomen, dan die de Heer afgegaane Gouverneur Valckenaer en de Eerste Tekenaar aan Hoogstdezelven hebben bedeeld in 't gepasseerde jaar bij secreten brief van den 28 Aug„s, buiten het vermelde in de gemeene advisen onder de beantwoorde posten van het Extract uit de zeer Gevenereerde Patriasche Generale Missive van den 30. Octo¬ „ber 1776; maar daar en tegen is het meer dan 77 dat zij die nimmer zullen staaken „onmogelijkheid der Expedi„ gepotie: naar Mangin anao in dit jaar. maar daar en tegen waarschijnlijk, dan warschijnlijk, dat gemelde Natie, die bereeds Valentijn, in zijn Oud en Nieuw Oost-Indien., 1=ste deel, p: n: 26 en 27, bij de Beschrijving der Moluccos, als zeer listig en roofzugtig heeft voorgesteld; haare rooverijen nimmer zullen staaken, zoo lange dezelve zee bouwen, en onmagtige Vreemdelingen kan agterhaa„ „len. De Eerste Tekenaar heeft uwe Hoog S 18. Edelheden bij zijnen aparten van den 29. ' Maij jongstleden toegezegd van de eer te zullen hebben Hoogst dezelven nader te onder„ „houden over de onmogelijkheid der geprojec„ „teerde Expeditien naar Mangindanao in dezen jaare, en om daar aan pligtschuldig te voldoen, zúllen wij hier vooraf ter nederstellen, dat schoon wij niet ontkennen kunnen, dat uwe Hoog Edelheden alles, wat maar mogelijk was bij„ „gebragt hebben, om ons daar toe in staat te stellen, zulks nogtans in die volkomenheid niet 1:25

NL-HaNA_1.04.02_3556_0553 view scan ↗

English

40. and for which reasons it was not found advisable to proceed with full confidence; because: First, both ships Delfshaven and de Jonge Samuel were by no means equipped for war as is required for such an important expedition, nor could those vessels here be provided with all the essentials: partly within the short time of four months due to a lack of sufficient craftsmen to manufacture and prepare everything necessary so quickly, and partly on account of our meager supply of various ammunition, weapons, and equipment goods, of which by no means could there be provided to the said keels as abundantly as ought to be done, in order that nothing should be lacking in such important items. Continuation. Secondly, the ship Westfriesland, already at the departure of Governor Valckenaer, needed considerable repair work and has in no way improved through careening, which is why it could no longer be retained; and of the two sloops, de Maagd Louisa and de Langmoedigheid, the first was wrecked near Japara, and the latter sails so poorly that its voyage hither had to be completed under tow; while the existing pantjallings are such clumsy craft, and mounted with cannons of light calibers, that nothing can be accomplished with them against the enemy. Thirdly, the three aforementioned ships were manned with so few European sailors for an expedition of importance that if they were to handle the sails, the guns would have to remain unmanned. Continuation. Yet the adjacent was the principal obstacle. Fourthly, the soldiers sent aboard the yacht do not even complete the designated number of troops for this Government in peacetime, and in addition, more officers of prudence and experience, both of the militia and artillery, as well as some good bombardiers, gun-carriage makers, and blacksmiths, are absolutely necessary to undertake anything fruitfully. Fifthly, but the principal obstacle to this quite weighty military operation has been this: that our secret, and therefore all the more dangerous enemies, first had to be cleared out of the way before the oft-mentioned pirates could be attacked either at sea or in their own country with an adequate, formidable force, in which we have now so happily succeeded. Paragraph 19. What is now actually required. To punish the Maguindanaos. Paragraph 20. First: Two ships, three barques, three pantjallings, and one galley. Having thus shown the hindrances, or the cause of the postponement of the frequently mentioned expedition, which we hope Your High Nobilities will not take amiss, since we believe ourselves bound in conscience to do so; we can now properly proceed to bring to Your High Nobilities' esteemed knowledge what is actually required to inflict such damage and detriment upon the Maguindanaos, whether at sea or in their own country, as their committed acts of violence merit in the fullest sense, indeed to destroy as much as possible their ability to proceed further therein. For both purposes, and at the same time to protect our headquarters, which must be established in a secure place, and if possible on an island, as well as to serve as magazines, we consider sufficient, regarding ships and vessels: Two large, well-sailing ships, namely: one of 150 and one of 140 feet, for which, however, Westfriesland should not come into consideration, because it is very unsuited, indeed completely unmanageable in tacking or wearing; Three barques, namely the Jacatra, the Langmoedigheid, provided it is fitted here with a second mast, and one from Batavia, which, not being at hand, can be made from a well-sailing sloop, if it should please Your High Nobilities; Three pantjallings, namely the Jonge Cornelis, the Kaneelboom, and Ternaten, but no others; and One Adries galley, named the Wakkerheid, which the first draftsman managed to obtain from Amboina this year, and takes the liberty of ceding entirely to the Company, being 60½ feet long from stem to stern, 18 feet wide, with 28 oars, and can carry twelve guns, namely: two three-pounders forward as chasers, six half-pounders on swivels, and four one-pounders aft on the awning deck; besides a considerable fleet of kora-koras, mostly manned by Alfurs and Sangirese. How the ships and vessels must be equipped. The first two mentioned ships would absolutely need to carry two tiers of ordnance, in order to better hit the enemy vessels beneath their so-called upper-reinforced wooden breastworks; and the largest number of guns should consist of eight-pounders, and the remainder especially of no lesser caliber than six-pounders; but the aforementioned third barque and the pantjallings the Kaneelboom and Ternaten should be mounted with four- and three-pounders, and all these keels fully equipped for war, and each of them

Dutch transcription

40. en zulks om welke redenen. niet is bevonden, om dezelve met volle gerust„ „heid te doen voortgang neemen; want se. de beide Schepen Delfshaven en de Jonge Samuel gansch niet zoodanig ten oorlog toege„ „rust geweest zijnde, als tot zulk eene impor„ „tante Expeditie wordt vereischt, heeft men die badems ook hier dermaaten niet kunnen voorzien van al het onvermijdelijke: eensdeels binnen den Karten tijd van vier maanden wegens gebrek genoegzaame Ambagtslieden om al het nodige zoo spoedig te vervaardi„ „gen en in gereedheid te brengen, en ten ande„ „ren uit hoofde van onzen soberen voorraad van verscheidene Amunitie- Wapen- en Equi¬ „pagie-Goederen, waar van aan de ged: 6 Kielen geenzins in die ruimte konde ver„ „strekt werden, als het behoord te geschieden, ten einde aan diergelijke voornaame artikelen niets te doen ontbreken: 79 2=o iet vervolg. 2e. heeft het Schip Westfriesland, al bij het vertrek van den Heer Gouverneur Valckenaer, eene merkelijke vertimmering nodig gehad en is met het overleggen ingeenendeelen ver¬ „beterd, waarom hetzelve ook niet langer konde aangehouden werden; en van de twee slaepen de Maagd Louisa, en de Langmoedigheid, is de eerste bij Japara verongelukt, en de nadere zoo slegt bezeild, dat derzelver reise naar herwaarts op sleeptouw moest werden volbragt; terwijl de aanwezende Pant„ „jallings zúlke lompe Vaartuigen, en met Kanons van de ligte Calibers gemonteert zijn, dat daar mede niets tegen den Vijand Kan uitgevoerd werden; 3=e zijn de drie voornoemde Schepen met zoo weinige Europeesche zeevarenden voor eene Expeditie van gewigt: bemand geweest; dat zouden ze de zeilen regeeren, de stukken onaangeroerd vervolg 45: 81 Vervolg. dog het nevenstaande is de voornaamste. hinderpaal geweest. onaangeroerd moesten blijven leggen; 4a de toegezondene Jagtig Militairen Comple, „teren nog niet eens het bepaald getal der Krij„ „gers voor dit Gouvernement in Vredens tijden„ en boven dien zijn 'er meer officieren van beleid en ervaring, zo van de Militie, als Artillerij, ook enige goede Bombardiers, affuitermakers, en Grofmeeden volstrekt nodig, om iets met Vrugt te kunnen ondernemen. 5„e maar de voornaamste hinderpaal van die vrij zwaarwigtige krygs-operatie is dit geweest; dat onze geheime, en derhalven des te gevaarlijker Vijanden eerst uit den weg moesten geruimd werden, voor en aleer de dikwerf genoemde Roovers, 't zij ter Zee, of in hun eigen Land met eene toereikende for„ „midabele macht wierden aangetact, waar in nu zoo gelukkig geslaagd is. 8. 19 /30 3. 19. Wat uu eigentlijk vereischt wordt. strafen. 3. 20. 1=e Twee scheppen, drie Borken. De verhinderingen, of de oorzaak van de uitstelling der meermelde Expeditie dus aange„ „toond hebbende, 't geen wij verhopen dat uwe Hoog Edelheden ons niet ten kwaade zullen gelieven te duiden, vermits we vermeenen daar toe gemoedshalve verpligt te zijn; kunnen wij nu gevoeglijk overgaan ter Hoogstderzelver g'eerde kennis te brengen, wat dan eigentlijk gerequireert Wordt ? om de Mangindanaors, 't zij ter Zee, dan wel in hun eigen Land zoodanige schaden en afbreuk te doen, als hunne gepleegde gewel„ de Mangindanaors te „denarijen in den uitgestrektsten zin meriteren, ja hun vermogen van daarin verder voort te kunnen gaan zoo veel moogelijk te vernie„ tigen Tot het een en ander, en teffens ons Hoofd Rwartier, 't welk op eene vaste plaats, en des mo„ „gelijk op een Eiland moet verzoken werden, te dekken mitsgaders # 42. 83 drie Pantjallings en een Galei mitsgaders tot Magazijnen te dienen, houden wij, ten belange van schepen en Vaartuigen, sufficient te zijn: Twee groote wel bezeilde Schepen, als: een van 150. , en een van 140 voeten, waar toe egter Westfriesland niet diend in aanmerking te komen, om dat het zelve zeer ongeschikt; ja geheel en al ongemanierd is in het wen„ „den of vallen, Drie Barken, namelijk de Jacatra, de Langmoe„ „digheid, wanneer dezelve alhier van een tweede mast wordt voorzien, en een van Batavia die niet aanhanden zijnde, van een wel be„ „zeilde sloep zal Kunnen gemaakt werden, als het uwe Hoog Edelhieden mogte believen, Drie Pantjallings, te Weeten de Jonge Cornelis, de Kaneelboom, en Ternaten, maar geene andere, en Een Adries- Galei, genaamd de Wakkerheid, die de eerste Tekenaar in dit jaar van Amboina (heeft „gen. toegerust. heeft weeten te bekomen, en de Vrijheid neemt ten vollen aftestaan aan de Compagne, zijnde dezelve 60½ voeten lang over steven, 18 voeten breed, met 28: Riemen, en kan twaalf stukken vaeren, te weeten: Twee drieponders vooruit tot jagers, ses van een half pond op Palders, en vier een pon„ „ders agter op de Tent, nevens nevens een nlootkorakovan Een aanzienlijke vloot van korakorras, meest bemand met Alfoeren en sangireesen. Hoe de Schepen in Vaartij Welke twee eerstgemelde Schepen absolut twee laagen geschuts zouden moeten voeren, om de Vijande „lijke vaartuigen des te beter te kunnen treffen on„ „der hunne zoo genaamde van boven versterkte houten borstweeringen; en het grootste getal der moeten gemonteert zijn stukken bestaan in agt, en de overige vooral van geen minder Caliber als sesponders; dog de voormelde derde Bark en de Pantjallings de Kaneelboom en Ternaten dienen met vier en drieponders gemonteert, mitsgaders alle deze Kielen volkomen ten oorlog toegerust, en ieder van dezelven

NL-HaNA_1.04.02_3556_0559 view scan ↗

English

43. Ships. and be equipped. the same with two sets of sails, also to be provided forward and aft with two pieces of ordnance; while we hereby respectfully request that, in that case, the ship Delfshaven may also be employed for the expedition, or detained here if the same be found fit for that purpose and the circumstances of the times should require it, but in the contrary case to let it return early via Java to the Indian capital: likewise, that the two ships destined hither carry solely the five hundred lasts of rice, thirty lasts of salt, and three hundred leagers of arrack requested by our joint advises under paragraph 19 of the first section, with the provisions for a full year, munitions of war, weapons, and equipage goods for each vessel, and whatever further thereof, expressly for the expedition, is petitioned in the accompanying three extra requisitions drawn up proportionally to the military operations, Request concerning the ship Delfshaven, and the cargo of the two others, continuation, as well as the sending of the other necessities. paragraph 21. Necessary men for the expedition. Their nationality. and that all the artillery be placed as near at hand as possible, alongside the cash and the bales of linen for this government, because otherwise the unloading of a single ship at this place takes fully two months; yet the remaining required necessities for our household here could, by your High Excellencies' pleasure, be brought over by the third bark and the two aforementioned pantjallangs, as well as the cruiser now departing. With regard to the men, both seafarers and soldiers, and the further native military force, we calculate upon: Two hundred European seafarers from Batavia, or 100 heads on each ship, besides those of the bark and pantjallangs, of whom, on the other hand, two hundred eighteen heads have been placed from here on the ships Westfriesland and the Jonge Samuel, the pantjallangs Ternate and Kaneelboom, and the cruiser, counting together with the Moors, Two hundred European soldiers, including fifty from Ternate, One thousand Madurese and Sumenappers, without whom we establish that the expedition will by no means have the desired success, One thousand six hundred Alfoors, whom the King of Ternate has engaged to deliver, and One thousand five hundred Sangirese, under the authority of the brave King of Siau. 44. Continuation, and which nations are excluded therefrom. For the adjacent reasons. For the adjacent reasons. The strength of the entire military force, and who must absolutely be included therein. Paragraph 22. The principal matter in an expedition, and which qualities they must possess. but absolutely no Tidorese, nor Mabarese, or those of Weda and Patani, for such reasons as your High Excellencies will easily be able to comprehend; for otherwise, instead of punishing the Magindanaos, one would give full cause for a new war between the Alfoors and the first-named peoples, through whom an opportunity could then immediately be sought to fall upon the enemy: so that our entire military force would thus consist of four thousand five hundred heads, among whom, however, the one thousand Madurese and Sumenappers must be present, and if these cannot be obtained, it is better rather to suspend everything that must be undertaken offensively. Your High Excellencies have pleased to hold before us, with the greatest justice, that the principal matter upon which an important expedition otherwise depends, and which is necessarily required to make good use of a force brought together with effort and deliberation, is the placing of chiefs over the same who are calm and skilled, discreet towards 45. yet although the same are rather to be found divided, which can always achieve much, to direct, to be sole chief over all, provided with a commission, towards the native, and possess a bravery which is paired with conduct and presence in unexpected encounters, and that such persons ought to command such a force, in order that something may be accomplished therewith that will cause the Moluccans to tremble. We readily acknowledge that those qualities, even if they were to be found in only one man, can on all occasions achieve much more with a small troop of people than the greatest force under a person of conceit and blind passions, which are ever accompanied by a narrow understanding and indiscretion, as also mostly by cowardice; but on the other hand it is at the same time indisputable that, although the first-mentioned qualities are rather to be found divided among many than in one, they can nevertheless for the greatest part be found in someone who then alone as chief must direct the entire military operation and not concurrently with others, for the prevention of all dissensions and of order, which person ought likewise to be favored by Your High Excellencies with a separate commission, whereby he would not be too strictly limited in his authority: for one ought

Dutch transcription

43. en voorzien zijn. „ver. Schepen. dezelven met twee stellen zeilen, ook van vooren en agteren met twee stukken voorzien te werden; terwijl wij hier bij eerbiediglijk verzoeken, als dan t nog het Schip Delfshaven ook tot de Expeditie te verzoek omtrant het schip Delsha „ magen emploijeren, of alhier aanhouden, indien hetzelve ten dien einde bekwaam gekeurd werde„ en de tijds omstandigheden zulks mogte vereisschen, maar bij het tegendeel vroegtijdig over Java naar de Jndiasche Hoofdplaats te laten terugkeeren: zo mede, dat de twee herwaarts gedestineert wor„ en de lading van de twe andere, dende schepen eenlijk de bij onze gemeene Adviesen onder §. 19 van de Eerste afdeeling verzogte vijf honderd lasten Rijs, dertig lasten 73 zout, en drie honderd leggers Arak, met de provisien voor een rond jaar, Oorlags- Amuniti„ Wapen- en Equipagie- Goederen van elken bodem¬ en het geen verder daar van, expres voor de Expeditie, bij de hier nevensgaande drie Extra- Eisschen, evenredig naar de Krijgt- Operatien ge„ „formeert, wordt gesuppliceert, mogen ingegeven, pon¬ t 85 # en, E vervolg mitsgaders de overzending der andere benodigdheden. 8. 21. Benodigde Manschappen tot de Expeditie. derzelver Landaart. en al het geschut zoo veel mogelijk bij der hand geplaats werden, nevens de Contanten, en Lijwaat pakken voor dit Gouvernement, om dat anderzins de ontlossing van een enkel schip ter dezer plaatse wel twee maanden duurd; dog de overige geeischte benodigdheden voor onze Huishouding alhier zouden, met uwer Hoog Edelheden believen, de derde Bark, en de twee voornoemde Pantjalling, ook de tans vertrekkende Kruisser kunnen overbrengen. Met opzigt tot de Manschappen, zo wel zeevarenden, als Militairen, en de verdere Jn„ „landsche Krijgs-magt calculeren wij op Twee honderd Europeesche zeevarenden van Batavia, of op ieder schip 100. Roppen, behalven die van de Bark en Pantjallinge, waar van daar en tegen op de schepen West„ „friesland en de Jonge Samuel de Pantjal„ „lings Ternaten, Kaneelboom en de Kruisser 44. 87 Vervolg en welke natien daar van uitgezonderd worden. om nevenstaande redenen. Kruisser met de Moorsche te zamen gerekent, Twee hondert agtien koppen van hier ge„ „plaatst zijn, Twee honderd Europeesche Militairen, daar onder vijftig van Ternaten, len duizend, Madureesen en Sumanappers, zonder welken wij vaststellen dat de Expeditie geenzins van het gewenschte succes zal zijn, Een duizend ses honderd Alfaeren, die de Ko„ „ning van Ternaten heeft aangenomen te zullen leveren, en len duizend vijf honderd sangireesen, onder het gezag van den dapperen Koning van Chiauw. maar absolut geene Tidoreesen, nog Mabareesen, of die van Weda en Pattanie, om zoodanige redenen, als uwe Hoog Edelheden ligtelijk zul¬ „len kunnen bevroeden; want anders zoude men, in plaats van de Mangindanaors te hartijden and 6 om nevengemelde redenen. bevinden Het voornaamste in eene Ex„ „peditie en welke qualiteiten zij maeten bezisten. Kastijden, volkomen aanleiding geven tot een nieuwen oorlog tusschen de Alfoeren en de eerstgenoemde Volken, door welken dan ook terstond gelegenheid konden gezogt werden den vijand toetevallen: zo dat onze gansche de steckte der gansche krijgemaets Krijgsmacht aldus bestaan zoude in vier dui„ „zend vijf honderd koppen, waar onder zig nog„ „tans, de Een duizend Madureesen en Sumanap„ „pers moeten bevinden, en zo dezen niet te en wie zig dar onder absolut maeten bekomen zijn, dan is het best liever alles te Staa„ „ken, wat offensif moet werden ondernomen. uwe Hoog Edelheden hebben ons met §: 22. het grootste recht gelieven voortehouden, dat het voornaamte, daar het overigens in eene Expeditie van gewigt op aankomt, en noodzake„ „lijk vereischt wordt, om van eene met moeite en overleg bijeen gebragte magt een goed gebruik te maaken, is het stellen van Hoofden over dezelve, die bedaard en kundig zijn, discreet omtrent e 45. 89 dog schoon dezelven eerder verdeeld aante treffen zijn, bestieren, voorzien van eene commissie omtrent den Jnlander, en eene dapperheid bezitten, Welke gepaart is met beleiden presentie bij onver„ „wagte ontmoetingen, en dat zulke personen eene zoodanige magt dienen te gebieden, ten einde 'er iets mede verrigt verde, dat de Moluccaanen doet beeren Wij bekennen gaarne dat die hoedanigheden, al waren ze maar in een man te vinden, bij alle die altoos veel kunnen uitwerken gelegenheden veel meer kunnen uitwerken met een klynen hoop Volks, dan de grootste magt on¬ „der een persoon van verwaandheid en blinde driften, welke steeds verzeld gaan van een bekrom„ „pen verstand, en onbescheidenheid, gelijk ook meeren„ „tijds van lafhartigheid, maar daar en tegen is het teffens onwederspreekelijk, dat, schoon, de eerstge„ „noemde qualiteiten eerder verdeeld bij veelen, als in een aantetreffen zijn, egter voor het grootste gedeel„ „te kunnen gevonden werden bij iemand, die dan alleen als Chef, de gansche Krijgs-Opeeratie moet bestieren en met tegelijk met anderen, ter om alleen alles als Clefte voorkoming van alle onenigheden en van orde„ welken persoon door Hoogst dezelven almede zoude dienen begunstigd te werden met eene aparte Commissie, waar bij hij met te zeer bepaald wierdt. in zijn gezag: want men be„ „hoord 89

NL-HaNA_1.04.02_3556_0564 view scan ↗

English

to which much must be left: it being impossible to examine the affairs and circumstances from nearby, one must rely upon an honest, calm, and impartial conduct of such a commander, whose own and not too strictly limited authority, knowledge, and attentiveness in and over all incidents that occur as consequences of some unauthorized undertaking or happen unexpectedly, after a sincere and accurate inquiry into the causes, must settle them immediately; as well as, through a skillful and prudent leadership, remove all incidents out of the way, counter or at once stifle any fatal movement, and make the best use of every unusual encounter with discretion and deliberation; also proceeding according to the orders in all offenses, and punishing the guilty, whether small or great, whoever it might be, since in such times no glossing over or excusing is appropriate, but on the contrary also rewarding all zeal, vigilance, and other merits, subject to the esteemed approval of Your High Noble Excellencies. Section 23. All that is necessary for the expedition, provisions, men, ammunition, weapons, and equipage goods required for the expedition to Mangindanao, having been determined as closely as practicable in the three preceding paragraphs, and at the same time the character and capacity of a chief over the entire military force having been described, we nevertheless do not dare nor can we propose such a commander to Your High Noble Excellencies, of whom the best expectation would be that he will command the power entrusted to him to the honor of the Company, the humiliation of our enemy, the restraint and intimidation of our false friends, and the reassurance of our worthy allies, and thus fulfill all that one may promise oneself of a man of honor, setting aside all that may be dear and pleasant to him for the true interests of his Lords and Masters: Wherefore we, most gladly leaving his election to Your High Noble Excellencies with all submission, only make it known here that, above all that has been written before, a sufficient number of capable and courageous officers is also required for the expedition, and of whom the following should thus be sent hither: One Captain, besides the Commandant here, Two Lieutenants, and Four Ensigns, and with the same also Two Lieutenants of the Artillery, Two Fireworkers, and Four Bombardiers. Yet as much as possible of all those, of the ones who acquitted themselves well at Macasser; since in this place, with the exception of only three ensigns, none are at hand who can be taken into consideration for the said purpose, on account of their advanced age and continual illnesses. Section 24. Whether the Mangindanaors shall be punished in the coming year. Hope of victory over them and restraint of foreign designs. Should it now please Your High Noble Excellencies to have the Mangindanaors punished in the coming year with the proposed land and sea force, in order to make an end once and for all of the plagues under which Ternate has been oppressed for so long, and from which the Company can anticipate only the most detrimental consequences, which must also absolutely be done if a lasting peace resting upon good foundations is to be obtained from them before their predatory enterprises succeed to such an extent that they will not listen to it, and it will be too late for us to bring them to reason without considerably greater costs, more ships, and men: then we hope that these war preparations will be formidable enough to be capable, under God's blessing and with a good direction of affairs, not only of obtaining a complete victory over the repeatedly mentioned rogues and pirates, but also of restraining the far-reaching designs of our bold and hidden rivals; When the expedition fleet must depart from here and how long the military operations should be continued. while the expedition fleet will then have to depart from here directly for Manado towards the beginning of August, in order to take in there as much rice and other provisions as might still be lacking, and subsequently turn its course to Taroena, in order to join there with the Sangirese auxiliary troops, and then cross over to Manoerang or Sarangani, before and at both of which places good anchorage and water are to be found, and therefore one of the same must be chosen as our headquarters, and furthermore the military operations, in order to act with earnestness and vigor, bar unforeseen accidents, must be continued for at least ten months. Section 25. With the appearance of the ships Delfshaven and de Jonge Samuel already so much, without the least bloodshed, Wherefore

Dutch transcription

waar aan veel moet overgeleten werden: „hoord, de zaaken en omstandigheden van na bij niet te beschouwen zijnde, zig te gerusten op eene eerlijke, bedaarde, en onpartijdige handel„ „wijze van zulk en Bevelhebber, wiens eigene en niet te bepaald in zijn gezagkundigheid en attentie in en over alle voorvallen, als gevolgen van de eene of andere onbevoegde onderneming voorkomende, of onzerwagt gebeurende, na een opregt en nauwkeurig onderzoek naar de oorzaaken, dezelven terstond moeten beslechten, mitsgaders, door eene vernus„ „tige en voorzigtige leiding, alle incidenten uit den weg ruimen, elke fataale beweging tegengaan, of ten eersten smooren, en van ieder zonderlinge ontmoeting met beleid en over„ „leg het beste gebruik maaken, ook in alle vergrijpingen naar de orders te werk gaan, en de schuldigen straffen, 't zij Klein of groot, wie het ook mogte wezen, dewijl en zullen tijd geen pallieren of verschoonen te passe Kout, dog integendeel ook alle ijver, vigilantie en andere merites beloonen, op de g'eerde goed„ „keuring uwe Hoog Edelheden. Altans de Schepen, en vaartuigen, §. 23. provisien 2 91 46 bepralt wordt dies verkiezing provisien, Manschappen, ammúnitie Wapen- en Al het nodige tot de Expikite Equipagie - Goederen, benodigd tot de Expeditie naar Mangindanao, zoo na doenlijk bij de drie naastvoorgaande Paragraphen bepaald, en teffens het Karakter en vermogen van een Cheef over de gansche Krijgsmagt beschreven en het karatter en vermogen hebbende, mogen nog durven wij tog uwe Hoog Edelheden zoodanigen Bevelhebber niet voorslaan„ van welken de beste verwagting zoude zijn, dat hij de hem aanbetrouwd wordende magt tot Eer der Maatschappije, vernedering onzer vijand, in toom- en vreeshouding onzer valsche Vrienden„ van een Chif bescheren zijnde en geruststelling onzer braave Bondgenoten, zal beveelen, en dus aan alles voldoen, wat men zig magen kan belooven van een man van ler, met postpositie van al het geen hem lief en aangenaam kan zijn voor de Waa„ „re belangen zijner Heeren en Meesters: Waaromme wij dan liefst deszelfs ver„ „kiezing # van Hane Ho dalheden veglaten vertoek om mier officeren. van de Militie en Artillerij op macasser zijn geweest „kiezing aan Hoogst dezelven met alle sub„ „missie overlatende; hier nog eenlijk bekend„ „stellen, dat, boven al het voorschrevene, ook een genoegzaam getal van kundige en man¬ „moedige officieren wordt vereischt tot de Expeditie, en waar van dus naar herwaarts zou„ „den dienen gezonden te werden: len Kapitein, buiten den Commandant alhier, Twee Luitenants, en Vier vaandrigs, en met dezelven teffens Twee Luitenants der Artillerij; Twee Vuurwerkers, en Vier Bombardiers. dog zoo veel mooglijk van die alle zoo veel mogelijk van degenen, die zig op Macasser wel gekweeten hebben; alzoo hier ter plaatse, met uitzondering van maar drie vaandrigs, geene aanhanden zijn, op welken ten gezegden einde reflexie kan gesla„ gen werden, uit hoofde van hunnen hoogen ouderdom, en continuele ziekten. Hoop deze §. 24 47. 93 3. 24. of de Manquidanaors in het aanstaande jaar. zullen gestraft werden. Hoope van Overwinning op dezelven. Mogte het uwe Hoog Edelheden nu be„ hagen de Mangindanaors in het aanstaan¬ de jaar te doen Straffen met de voorgestelde Land en Zee-Magt, om tot eens een eind te maaken van de plagen, waar onder Ternaten zoo lang gedrukt is geweest, en waar bij de Maatschappije niet dan de allernadeeligste gevolgen kan te gemoet zien, 't geen ook abso¬ „lut diend te geschieden, ten wanneer van hun een bestendige en op goede gronden rustende Vrede moet; verkrigen vanden eer hunne roofzugtige C ondernemingen in zoo verre gelukken, dat zij 'er niet naar luisteren, en het voor ons te laat zal zijn hen tot reden te brengen zonder vrij grooter kosten, meerder Schepen en Manschappen: den hopen wij, dat die Krygetoerustingen ontzakelijk genoeg zullen zijn, om onder Godes zegen en bij eene goede directie van zaaken vermagend te wezen niet alleen op de meermelde schelmen en Roozers en refrenatie der vreemde desseinen. Wanneer de Expeditie-vloot van en hoe lang de krijgs-operatien „dienen voortgezet te werden. 25. da verschijning van Delfs haven en de Jjonge Samuel Roovers eene volkomene overwinning te behaalen, maar ook de veruitziende des„ „seinen onzes stoutmoedige en verborgene mededingers te refreneren; terwijl de Expeditie Vloot als dan van hier tegens het begin van Augus¬ eerste „tus direct naar Manado zal moeten vertrekken, om aldaar zoo veel Rijs en andere levensmidde, „len nog intenemen, als 'er mogte ontbreken, en vervolgens den steven naar Taroena wenden, ten einde aldaar met de sangirsche hulptrae¬ „pen te conjungeren, en zoo vervolgens naar Ma„t „noerang of Saringanij overtesteeken, voor en op welke beide plaatsen goede Ankergrond en water te vinden zyn, en daarom een van dezelven tot ons Hoofd-Kwartier diend gekozen, mitsga„ „ders de Krijgs-operatien, om met ernst en vi„ „gueur te ageren, buiten onvoorziene toeval„ „len, ten minsten tien maanden lang moeten voortgezet werden. Met de verschijning van de Schopen Delfshaven en de Jonge Samuel reeds zoo veel, zonder de minste Wr moet vertrekken. bloedstorting hier Waaro

NL-HaNA_1.04.02_3556_0569 view scan ↗

English

48 has effected so much that the Moluccans now already tremble, the last-mentioned vessel having returned to Westfriesland. for a trial expedition of the two accounts of the two soldiers. the bloodshed having been effected, which substantially makes the Moluccans tremble, which can be noticed sufficiently among the natives here daily, we have judged that we have accomplished quite a great deal for this year as a small proof of the Company's power, and therefore resolved to have the last-mentioned vessel return after the ship Westfriesland, but Delfshaven, being the best sailer and least defective, having also arrived and unloaded first, was retained to be employed for such a trial expedition as is known from folio 1 of the first main part of our general letters, which retention, contrary to Your High Excellencies' order, we hope will be graciously pardoned by the same for the reasons just mentioned. Section 26. From the transmitted accounts of the two soldiers taken prisoner on Kema by the Magindanaos in the year 176., we shall, defective as they may be, try in due time to make the necessary use; # 95 make would have been more agreeable gained nothing Section 27. on Tidore all is still in rest and peace, try to make the necessary use thereof; but on the other hand, it would have been a special token of favor from Your High Excellencies to us if those men themselves had been sent hither, when we could have learned much more from them by comparing their oral account with other reports, which have nevertheless informed us in general that the pirates have gained nothing this year, just as the navigation of our burghers has also been safe and fortunate, so that they will not now be able to hold a merry Puasa, or Mohammedan fast. On Tidore, where the worthy Ensign Gebhard, who is also beloved by the inhabitants, now lies as Resident in place of Ensign Brauch, who during the presence of the exiled King had already been recalled hither upon His continuous complaints against that officer to do duty here in the garrison, 49 would have been of short duration if this had not been prevented by the arrest of certain persons for the reasons on the side all is still, according to what is stated in our general letters, in rest and peace; but this would have been of no long duration if we had not prevented this in time by the arrest and dispatch on the ship Westfriesland of the Tidorese Kali Abdul Raouf, along with his son, brother, and nephew: the Secretary Noriman, Imam Abdulla, and Writer Badaroedin; for of these crafty fellows, not only has the first-mentioned old rascal, whom we had appointed as co-regent more out of statecraft, and to elucidate to us one thing and another with regard to the past conduct of the old King and Crown Prince as well as the present conduct of their family, than on account of his virtues, in that short time, with the assistance of the aforementioned Secretary and through the counsels of the Imam, so abused his authority, and ruled so despotically without consulting the other regents in anything or deliberating with them, that he continuation he was already entirely abhorred by the grandees as well as the lesser Tidorese, and some even intended death for him if he had dared to set foot on Tidore again; but he and his further adherents would also very cunningly have thwarted all our measures taken with so much trouble and deliberation, both with regard to Maba, Weda, Patani, Gebe and the Papuans, and otherwise, under the pretext of wishing to offer us a helping hand and instructing us in the manners and customs of those peoples, were it not that the first signatory fortunately discovered their treacherous, perfidious, and perjured designs, concealed under the guise of complete obedience and sincere willingness to serve, first through the Maba and Weda chiefs themselves who were still present here then, and subsequently through the Tidorese Lieutenant Goela Manis, full nephew of the frequently mentioned Kali, continuation 50 99 Continuation Continuation Kali, as Your High Excellencies can observe in detail from the report of the Junior Merchants Hemmekam and Boot sent under No. 15, and furthermore having taken into consideration how Your High Excellencies, upon the well-founded complaints made by this Council in a secret letter of the 15th of June 1759 concerning the then Secretary and since former Kali Abdul Raouf, because he already ruled the entire Realm of Tidore at his pleasure then and was the cause of the request for more recognition money, as well as on account of other motives, had deemed his arrest very necessary, which however, as appears from the statements in the Secret Letters of the year 1760, could not proceed at that time because the King strongly opposed it, yet through Your High

Dutch transcription

48 heeft zoo veel geeffectueert. dat de moluccaanen nu al beeven de wanen de latstgen bodemn na „Westfiesland, eruggekeerd. tot een praef- Expeditie van de twee Relaasen de door de margind. soldaaten. bloedstorting, geeffectueert zijnde, dat al Wezentlijk de Moluccaanen doet beezen, 't geen dagelijks alhier onder de Jnlander genoegzaam kan worden bemerkt„ hebben wij geoordeeld voor dit jaar al nog tamelijk veel uitgevoerd te hebben tot een klijn bewijs van het vermogen der Maatschappije, en derhalven geresolveert de laatstgenoemde bodem, na het schip Westfriesland, te laten retourneren, maar Delfsha¬ maar delshaven aangehouden is „ ven, als best bezeild en minst gebrekkelijk, ook eerst aangekomen en gelost, tot eene zoodanige „op den 17 Aug=s 106. proef-Expeditie „ te emploijeren, als bij I. 1: - van het eerste hoofdeel onzer gemeene adviesen bekent staat, welks aanhouding, tegen uwer Hoog Edelheden order, wij verhopen door Hooget„ dezelven gratieuselijk te zullen gepasseerd Wer¬ „den om de evengemelde redenen. §. 26 Van de overgezondene Relaasen der in A„o 176. door de Mangindanaors op Kema ge¬ op Kema gevangen gemakte Vangen genomen twee Soldaaten, zullen wij, zoo gebrekkig als ze ook zijn, in der tijd tragten # 95 maaken alangenamer geweest zijn niets opgedaan §: 27. op Tidor is nog alles in rust en vrelde, zal men het nodig gebruiktragten het nodig gebruik te maaken; maar het zoude daar en tegen een bijzonder gunst bewijs van uwe Hoog Edelheden aan ons geweest zijn, dog dog hunne overzending zoude indien die menschen zelfs herwaarts waren ge„ „zonden, wanneer wij nog al veel meer van hun konden vernemen bij vergelijking van hun in mondeling verhaal met andere Rapporten, welke ons egter in 't algemeen hebben geinfor¬ de Roovers hebben in dit jaar „ meert, dat de Roovers in dit jaar, gelyk de vaart onzer Burgers ook behouden en geluk„ nig is geweest, niets opgedaan hebben, zo dat Ze tans geen vrolijkke Poassa, of Mahomedaanscha vaste, zullen kunnen houden. Op Tidor, alwaar de braave bij de Jnwoo„ „ners teffens beminde Vaandrig Gebhard nu als Posthouder legd, in stede van den Vaandrig Brauch, welke bij aanwezenheid van den verzon¬ „den Koning, op Deszelfs aanhoudende klagten tegen dien, Officier, al herwaarts was opgeroe„ „pen, om hier in 't Guarnisoen dienst te doen, is 49: duur geweest zijn. indien zulks niet was voorge„ komen. door de opligting van zekkere personen. om nevenstaande redenen is, volgens het vermelde bij onze gemeene Advie„ „sen, nog alles in rust en Vrede; dog dit zoude van dog dit zoude van geen langen geen langen duur geweest zijn, indien wij zulks bij tijds niet hadden voorgekomen door de opligting en Verzending met het Schip Westfriesland van den Tidorschen Kalie Abdul Raous, nevens zijn zoon, Broeder, en Neef: de Secretaris Noriman, Jman Abdulla, en Schrijver Badaroedin; want van deze doorsleepene Knaapen, heeft niet alleen de eersgenoemde oude schurk, die wij eerder uit staat„ „kunde, en om ons van het een en ander, met opzigt tot het voorleden gedrag van den Ouden Koning en Kroonprins, zo mede van het tegenwoordige hunner Familie, te elucideren, als wegens zijne deugden tot mede Regent hadden aangesteld, in dien korten tijd, met assistentie van den evengemelden se„ „cretaris en door aanradingen van den Jman, zijn gezag dus danig misbruikt, en zoo despotiek, zonder de andere Regenten in iets te kennen, of met dezelven te raadplegen, geheerscht, dat hij/ vervolg hij reeds ten eenemaal door de Grooten, zo wel als mindere Tidoreesen versoeid wierd, en hem zelfs door zommigen de dood is toegedagt, bij al„ „dien hij zig onderstaan hadde van weder een vaet op Tidor te zetten; maar hij en zijn verdere aanhang zouden ook alle onze met zoo veel moeite en overleg, zo ten aanzien van Maba„ Weda, Pattanij, Gebe en de Papoeen, als ander„ „zins„ genomene maatregelen zeer listig heb„ „ben verijdeld, onder voorwendzel van ons de behulpzame hand te willen bieden, en van de zeden en gebruiken dier volken onderrigten, Ware het niet, dat de eerste Tekenaar hunne onder den schijn van volkomene obedientie en opregte dienstvaardigheid terborgene trouw„ „loose, verraderlijke en mernedige voornemen„ eerst door de toen hier nog presente Mabasche en Wedasche Opperhoofden zelven, en nader„ „hand door den Tidorschen Luitenant Goe„ „la Manis, volle Neef van meermelden Kalie 1 vervolg 50. 99 Vervolg Vervolg Kalie, gelijk uwe Hoog Edelheden dit alles bij het onder N„o 15. overgaand Berigt van de Onderkooplieden Hemmekam en Boot breedvaerig kunnen beogen, ten allen ge„ „lukke hadde ontdekt, en wijders in over„ „weging genomen hebbende, hoe Hoogst dezel„ „ven, op de gedane grondige klagten van dit Ministerie, bij secreten brief van den 15. ' Junij 1759, over den toenmaligen se„ „cretaris en zedert gewezen Kalie Abdul Raouf, om dat hij toen al het gansche Rijk van Tidor naar zijn welgevallen regeerde, en oorzaak was van het verzoek om meerder Recognitie -penningen, zo me¬ „de wegens andere motixen, zijne arrestering zeer noodzakelijk hadden geagt, welke egter, blykens het gemelde in de Secrete Adviesen van den jaare 1760, wijl de Koning zig sterk daar tegen kantte, ter dier tijd geen voort¬ „gang heeft kunnen neemen, dog door uwe Hoog

← previousnext →