Inventory 3570
Coromandel · 1,378 pages · 230 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
717. The 15th of September 1780 Price regulation for the books of anno 1779/80. Authorization to close the trade books. a very small amount of - - - - - - ƒ 563:7:8: originating from decreased profits and revenues, Furthermore, the aforementioned Trade Bookkeeper having submitted to the meeting the price regulation for the new Books of 1779/80; it was, after review thereof, approved and agreed to authorize him herewith to regulate himself accordingly in the formatting of the new books, or in the entry of the balances. Furthermore, he having made known by a submitted report that he had progressed with the Trade books of 1778/9 almost to the closing, requesting authorization for this purpose, it was agreed to authorize him herewith to close the same. For writing off unserviceable goods sent to Batavia and also sold, permission for the writing off thereof. It was furthermore shown by the Trade Bookkeeper, in a second Report, that he had observed in the confrontation of the ultimate of August 1778/9 that several unserviceable goods had been sold, melted down, and sent to Batavia, the costs of which had not been accounted for or written off, and that this consequently must cause the balances to rise greatly in price, with a request for authorization to write off the same. Whereupon, after deliberation, it was approved and agreed to authorize the aforementioned Trade Bookkeeper herewith to write off the amount of the aforesaid unserviceable goods to the debit of such accounts as are specified in The 15th of September 1780 719. continuation The 15th of September 1780 Of what the goods consist and their cost. his report; namely: To previous charges and incidental expenses; The loss upon public sale of 206 pieces of cutlass blades in 1776/7 sold with a loss of - - - - - - ƒ 155:2:–. The cost of 2 pieces of copper kettles at the Equippage, which according to the Confrontation of the ultimate of August 1777/8 were melted down and written off without money at the cost of - - - - - - - ƒ 24:19:–. And to the debit of the Office of Coromandel, The cost of 506 pieces of grenadier flintlocks which were sent without account to Batavia, amounting to - - - - - - - - - - - 4610:18:8: The cost of 80 pieces of flintlock barrels in anno 1776/7 sent without account to Batavia - - - 510:10:–. The cost of 2 pieces of screw-jacks in anno 1779 sent without account to Batavia - - - - - - - - - - 51:10:–. The cost of 3 half-hour night glasses likewise sent without account to Batavia - - - - - - - - - - - ƒ 3:17:–. and Carried forward - - - ƒ 5352:19:8: The 15th of September 1780 300 leagers of arrack purchased by the dispenser at 29 Portonovo pagodas. The cost of four binnacle lamps, likewise sent as before - - - - - - - - - - 7:17:–. Carried forward. . . ƒ 5352:19:8: Making together a Sum of - - - - - - - ƒ 5364:13:8: Furthermore, the Governor made known to the assembly that, whereas today was the day fixed by resolution of the 31st of August last to sell by tender, with sealed notes, to the highest bidder 300 leagers of arrack from the quantities brought this year from Batavia with the ships Triton and Hoorn, His Honour presented to the Table of this Council a single note submitted to His Honour by the junior merchant, assayer, and dispenser Pieter Willem Geeke, 721. The 15th of September 1780 continuation. in which was stated by him the price which he was inclined to give for the arrack. And the aforesaid note having been opened hereupon in Council, it was, in consideration of the fact that the price of arrack remains the same both here and at Madras, and the ship officers as well as other private traders have had to sell their arrack of this year for 29 Portonovo Pagodas the leager, which according to the present exchange rate does not yet amount to 28 New Nagapatnam Pagodas, approved and agreed to cede the aforesaid 300 leagers of arrack to the Assayer Pieter Willem Geeke for 28 New Nagapatnam Pagodas The 15th of September 1780 Proposition of the Governor to dispatch the ship Hoorn directly from here to Batavia. the leager, or for the price of anno passato, provided the aforesaid beverage, of which the ullage from this day forward runs for his account, is drawn off by him and the amount is paid into the Treasury. Furthermore, the Governor remarked that the ship Hoorn, not having arrived here from Batavia before the 1st of this month, was currently only half unloaded, and its complete discharge would likely run until the 25th of this month, when it would have become too late to dispatch that ship from here to the North; especially since Their High Excellencies quite recently, by missive of the 6th of June, had been pleased to order further that the ships from the Northern Factories be dispatched at the latest 723. The 15th of September 1780 Agreement of the Members therewith and resolution thereon. continuation the 25th of September; proposing at the same time to retain that vessel here, in order to be able to dispatch it on the 15th of October next to Batavia with all the piece goods for the Indies presently in stock here and still coming in, together with as much caliatour wood as will be necessary for the stowage of those bales, as well as all the cases, chests, and bundles with unserviceable goods and spice dust waste, which were projected in anno passato to be sent to Batavia with the ship De Pallas. Whereupon, after deliberation, it was not only approved and agreed to conform completely to the proposal of the Governor, and consequently the
Dutch transcription
717. Den 15: September 1780 E S prijs reguleering voor de boe„ ken van a:o 17 3/80. —. qualificatie tot het afsluijten der Negotie boeken. een zeer gering bedraagen van - - - - - - ƒ 563:7: 8: oorspronkelijk uijt verminderde win„ sten en inkomsten, N Vervolgens door den opgemelden Negotie-boekhouder, nog in ver„ gadering overgelegt zijnde de prijs reguleering voor de nieuw Boeken van 1789/80: zoo is na resumptie van het zelven goedgevonden en ver„ staan hem bij deesen te qualifi„ ceeren, om sig daar na bij het Jor„ meeren der nieuwe boeken, of hij het inschrijven der restanten te reguleeren Vervolgens door hem bij een ingediend Berigt te kennen gegeeven zijnde, dat hij met de Negotie-boeken van op78/9: tot op het sluijten na gevordert weesende, daar toe qualificatie versogt, soo is verstaan hem tot - Son afschrijving na bata„ via versondene en ook ver„ kogte onbekwaame goederen, permissie tot dies afschrij„ ring tot het sluijten van deselve bij deesen te qua„ lifficeeren —. Is vervolgens door den Negotie-boekhou„ den, bij een tweede Berigt vertoond, dat hij bij de Confrontatie van ult:o aug:s 178 /9: ontwaard hadt, dat er verscheijde onbekwaame goederen, verkogt, versmolten en na Ba„ tavia versonden waaren, welkers kos„ tende niet aangereekend of afgeschreeven geworden was, en dat dit dienvolgende de restanten zeer in prijs moest doen stijgen met versoek om qualifficatie tot dies af„ schrijving. Daar op, na deliberatie goedgevonden en verstaan is, den Negotie-boekhouder voornoemd. bij deesen te qualificeeren tot het afschrijven van het bedraagen der voorsz onbekwaame goederen ten laaste van soodaanige Reekeningen als bij Den 15: September 1780 zijn 3 1 719. vervolg Den 15: September 1780 waarin che goederen bestaan en dits kostende, zijn berigt zijn opgeven; naamentlijk; Op voorjaarige Lasten en ongelden; Het verloorene bij publicque verkoop 1776 van 206: p„s houwer klingen in 17 3/8. ver„ kogt met een verlies van - - - - - - ƒ155:2: Het kostende van 2: p„s koopere kee„ tels bij de Equipagie, die volgens Con„ frontatie van ult:o augustus 1777 /: ver„ smolten en zonder geld afgeschree„ ven zijn ten kosten van - - - - - - - ƒ 24:19:—. En ten Lasten van het Comp„ „toir Chormandel, - Het kostende van 506: p„s snaphaa„ „nen granadiers welke zonder aan„ „reekening na Batavia gesonden zijn, „bedraagende - - - - - - - - - - - „ 4610:18:8: Het kostende van 80: p=s snaphaan Loo„ pen in anno 1776/4: zonder aanreeke„ ning na Batavia gesonden - - - „ 510: 10:—. „kostende van 2: p„s dommekragten in l:o 1779: zonder aanreekening na Bata„ via gesonden - - - - - - - - - - „ 51: 10. –. „ kostende van 3: half uurs nagt glaa„ Zen almeede. - - Transporteere - - - ƒ 5352:19:8: 16. Den 15: September 1780 300: leggers arrak teegens 29 ptp:s aan den dispen cier geake in kogt; zonder aanreekening na Batavia Het kostende van vier nagthuis Lampen, almeede versonden dan wel te zamen eene als vooren - - - - - - - - - - „ 7: 17:—. Somme van - - - - - - - ƒ5364: 13: 8: Vervolgens gaf den Heer Gouverneur ter ver„ gadering te kennen, dat dewijl heeden ver scheenen was den dag, bij besluijt van den 31: augustus Iongstleeden geprefigeerd, om bij inschrijving, bij besloten beeljeten aan meest biedende te verkoopen 300: Leggers arrak, uijt de quantiteijten in dit Jaar met de scheepen Triton en Hoorn van Batavia aangebragt, zijn Edele te Ta„ fel van deesen Raade overgaf een en„ a keld briefje door den onderkoopman Essaijeur en Dispencier Pieter wil„ lem seeke aan zijn Edele gepresenteerd, gesonden - - - - - - - - - - - ƒ3:17: —. en P:r Transport. . . ƒ5352: 19:8: waar Cus 141 Den 15e. September 1752 vervolg. waar bij door den zelven opgegeeven was de prijs welke hij genegen was voor de arrak te geeven En hier op het voorschreeve briefje in Raade geopend zijnde, zoo is, uijt aan„ merking dat de prijs van de arrak zoo hier als op Madras even Lang blijft, en de scheeps officieren, zoo wel als andere particulieren trafiquanten hunne arrak van dit Iaar hebben moeten ver„ koopen voor 29: Portonovosche pagoo„ den de Legger dat volgens de presente wissel Cours nog geen 28 N: Nagapat„ namsche Pagooden uijtmaakt goedge„ vonden en verstaan de voorschreeve 300. leggers arrak, aftestaan aan den Eijssaijeur Pieter willem Geeke voor 28. Nieuwe Nagapatnamsche Pagoo„ den 3 Den 15: September 17820 prospositie van den Her goijren direct van hier na Batavia te depecheeren, den de Legger, off voor den prijs van a:o Passato mitsde voor B: drank, waar van de spillagie van heeden aff voor zijn reekening Loopt, door hem afge„ loopd, en dus bedraagen in Cassa be„ taald wordt. neur om het schip Hoom Wijders heeft den Heer Gouverneur gere„ marqueerd, dat het schip Hoorn niet voor den 1: deeser maand van Bata„ via alhier gearriveerd zijnde, tans nog maar halff ontlaaden was, en het dus met zijne geheele ontlossing wel soo aanloopen tot den 25: deeser, wan„ neer het te laat zou geworden zijn om dat schip van hier na de Noord te depecheeren; voor al wijl Hunne Hoog Edelheedens nu nog onlangs bij missive van den 6: Iunij nader had„ den gelieven te bevelen, om de scheepen van de Noorder Factorijen uijtterlijk 8 8 den E 17o3 Den 15e. September 1780 Conformeering der Leeden daar meede en besluijt des den 25: September te depecheeren met propo„ sitie teffens om dien bodem alhier aan te houden, ten eijnde op den 15: october aanstaande na Batavia te kun„ nen worden gedepecheerd met alle de hier in voorraad weesende en nog in„ komende vardeelen voor Indien neevens zoo veel Calliatoirhoud als tot stuwasie van die pakken zoo noodig wee„ sen, mitsgaders alle de kassen kisten en bondels met onbekwaame goederen en stoffen gruijs van Specerijen; welke in anno passato geprojecteerd waaren om met het schip De Pallas na Ba„ tavia gesonden te worden Daarop na deliberatie niet alleen goedgevonden en verstaan is, zig met weegen, de propositie van den Heer gouverneur vol„ komen te Conformeeren en dienvolgende het vervolg
English
The 15th of September 1780. Item, for the candy sugar, merchant turned up C to detain the return ship Hoorn here, in order to depart for Batavia on the 15th of October next, with such a cargo as has been proposed by His Honour, and also to cause the remaining space in the said vessel to be filled with such private packages as shall be offered against freight for shipment to Batavia prior to its departure. The Company having said, concerning the candy and powder sugar, along with the Satsuma camphor recently brought from Batavia by the ships Triton and Hoorn, that as yet no merchant has presented himself, it is therefore, upon the proposition of the Governor, approved and resolved to take note thereof herewith, further noting that this is certainly caused solely by d 145 The 15th of September 1780 Requisition of merchandise for the year 1781. by the troubles arisen in the country since the march of Haidar Ali Khan with his army, as thereby not only in the country itself but also in Madras, Pondicherry, and all other places situated in that vicinity, trade has come to a complete standstill. Thereupon, having spoken concerning the determination of making a new requisition of merchandise from Batavia for the year 1781, it has been, in consideration of the slight improvement to be expected in trade as long as Haidar Ali Khan with his army continues to plunder and ravage the Carnatic lowlands, approved and resolved to fix the requisition of merchandise for the coming year 1781, for the present, or The 15th of September 1780. Specification of the goods to be requisitioned: or so long as there is no better prospect of sales, at: 200 leagers of arrack 100000 lb of powder sugar, and 50000 lb of candy sugar 5000 lb of Japanese camphor 60000 lb of nutmegs 40 sockels of mace 50000 lb of cloves 200000 lb of Japanese bar copper 15000 lb of gunpowder 400 flintlock muskets with iron ramrods. Furthermore, the Governor submitted a general estimate of the capital on hand along this coast and that which is yet to be realized from the sold merchandise and revenues during the course of the present financial year 1780/1781, showing again what will fall short thereof after drawing the receipts and expenses as of the end of August 1781, and how large consequently 727 The 15th of September 1780 At Nagapatnam ƒ 744728: 8: —. ƒ 347587: 10: —. the requisition of specie for anno 1781 ought to be determined, as all this is further demonstrated by that paper, being of the following tenor: Estimate of the capital to be requested, showing what is yet on hand, consisting of pagodas, unminted gold, silver bars, and silver ticals, etc., to serve for forming the provisional requisition for this government for the year 1781, namely: Specie In the main treasury, In the small treasury as of the end of September ƒ 9540: —: —. reduced at ƒ 4: 10: — per pagoda. Various unminted gold; as 7: 2: — in the main treasury 224: 20: 10 in the Mint Mark 927: 4: — at ƒ 375 per Mark comes to. The balances at the subordinate factories are the following: at Sadraspatnam as of the end of August: Pagodas 1540: 1: 60 at Pulicat as of the end of June: 8085: 15: 40 at Palikol: 1649: 2: 60 at Jagannathapuram: 4219: 4: — at Bimilipatnam as of the end of May: 3812: 19: 32 The balances at the factories amount to: Pagodas 18585: 19: 32. To this is added what was extra sent in silver bars after that time to Jagannathapuram and Palikol, as: To Palikol, three-swami pagodas: pieces 18444: 4: 8 To Jagannathapuram in silver bars: 9500: —: — To the same in Siamese silver ticals: 3550: —: — in pagodas with 18 percent agio: Pagodas 67852: 2: 70 26494: 4: 48 Counted Pagodas 45000: —: —: ƒ 202500: —: —. The specie sums to: ƒ 947228: 8: —. Carried forward: ƒ 10861: 10: — Pagodas 70713: 12: 70 Together Pagodas 80253: 12: 70 ƒ 397140: 18: —. The 15th of September 1780: General estimate of capital to be requisitioned for anno 1781: Brought forward: ƒ 947228: 8: —. to which is added what the merchandise is estimated to yield upon sale, for which is set in these troubled times: ƒ 450000: —: —. For the revenues is set: ƒ 50000: —: —. Thus together on the credit side: ƒ 1447228: 8: —. Against which the following will come to debit, namely, the textiles collected and dispatched in ten consecutive years sum to ƒ 14573400: 18: —; averaged out, this comes for the collection of one year to: ƒ 1457340: 2: —. However, during this time of troubles, set at: ƒ 1200000: —: —. Expenses for 13 months are set at: ƒ 400000: —: —. Comes to debit: ƒ 1600000: —: —. So that there would still fall short: ƒ 152771: 12: —. Thus there needs to be requisitioned: New requisition, ƒ 700000 guilders Dutch currency in various unminted gold, namely: ƒ 200000: —: — in soft gold assaying 20 carats and 1/5 grain for three-swami pagodas, ƒ 500000 in gold assaying 18 carats 5½ grains for new Nagapatnam pagodas, ƒ 250000: —: — guilders Dutch currency in gold of 15 carats for minting new Nagapatnam fanams, ƒ 50000: —: — guilders Dutch currency in silver bars for the stamping of rupees and making of fanams. Whereupon, after deliberation, and in consideration of the slight prospect of obtaining an abundant collection of the goods on hand, it has been approved and resolved, the
Dutch transcription
Den 15: September 1780. voor de Candij Zuijken Item, Coopman op gedaan C het Contra schip Hoorn alhier aan te houden om op den 15. october aanstaande na Ba„ tavia te vertrekken, met zoodanig eene Laading als door zijn Edele is voorgesteld, maar ook de dan nog overig zijnde ruijm te in gemelden bodem te doen volladen met soodanige particuliere pakken, als tee„ gen zijn vertrek ter versending opvragt na Batavia zullen worden aangebooden, Comphun heeft seggeen door de kandij-en poeder Zuijker, neevens de Satsumasche Camfer Iongst met de scheepen de Triton en Hoorn van Batavia aangebragt, zig dog nog, toe geen koopman opgedaan hebbende, zoo is op de propo„ sitie van den Heer Gouverneur goedgevon„ den en verstaan daar van bij deesen notitie te houden, onder aanteekening verder dat dit zekerlijk alleen veroorsaakt wordt, door d 145 Den 15: September 1780 Eijsch van Coopmansz: voor den Jaare 1736. door de troublen, in het Land ontstaan, see„ dert de aftogt van Haider Alicham met zijn leeger, alsoo daar door niet alleen in het Land maar ook op Ma„ dras, pondecherij en alle andere plaat„ schen daar omstreeks geleegen den han„ del stok stil gestaan heeft Vervolgens gesprooken zijnde over het bepaaling van dete doem doen van een nieuwen Eijsch van koop„ manschappen van Batavia voor den Iaare 1781: zoo is uijt aanmerking van de goringe beterschap die er in den Han„ bel te verwagten is, soo lang Haider Alicham met sijn leeger, de Carna„ tiache beneeden Landen uijt plunderd en verwoest goed gevonden en verstaan den Eijsch van Koopmanschappen voor het aanstaande Iaar 1781, voor eerst, off Den 18 September 1780. specificatie van het te Eijs„ schen; off zoo lang er geen beeter uijtzigt van vertier is, te bepaalen op 200: Leggers arrak 100000: lb: poeder, en 50000: „ kandij zuijker 5000: „ kamper Japance 60000: „ Nooten muschaaten 40: „ sockel sfoelij, 50000: „ Nagelen 200000: „ Japans staafkooper 15000: „ buskruijten 40 0: franaciers snaphaanen met ijzer laat„ stokken, Wijders is door den Heer gouverneur, over„ gelegt, een generaal overslag van het ter deeser kuste aan handen zijnde Ca„ pitaal en het geen nog uijt de verkogte koopmanschappen en inkomsten geduu„ vende den loop van het presente boek„ jaar 1780 /en: stond in te koomen, onder aantooning weder wat er op het selve na de tracheering van dien inzaam en lasten onder ult:o aug:s 171: zal te kort schieten, en hoe groot dien volgende den 727 Den 15. September 1780 Mg: p. 752: Te Nagapatnam ƒ744728: 8. —. -. - - - . . . - - - - - „ 347587: 10: —. den Eijsch van Contanten voor anno 1781: wel diende te worden bepaald, gelijk dit een en ander bij dat papier nader ven„ toond wordt zijnde het zelve van den inhoud„ heeft: overslag van 't te vragene Capitaal, met Anthooning van het geen nog aanhanden is, bestaande in Palooden goud ongemunt, Bhaar zilver, en ticals zilver Ac: om te dienen tot 't formeergn van den provisioneelen Eijsch voor dit gouvernement en den Iaare 1781: te weeten Contanten In de groote Geld Cassa, _:o „ _:o „ 4: _:o In de kleene Geld Cassa onder ult.:o September _ _ - - - - - - - - - - „ 9540: —. —. â ƒ 4: 10:—. per Pagood gereduceerd. - oud ongemunt Diverse; als 7: 2:—. In de groote geld Cassa „ 224: 20: 10: „ „ Munt Mij H: 927: 4: —. â ƒ 375: t Mg: H: komt. . De Restanten op de onderhoorige Comptoiren zijn de volgende te Sadraspatnam onder ult:o augustus - - - - - R:o 1540: 1: 60: _o te palleacatta onder ult:o Junij „ 8085:15: 40: „ Palicol - - - „ „ „ „ 1649: 2: 60: „ Iaggernaikp: „ „ „ „4219: 4: —. „ Kilmilipatnam „ „ maij „ 3812: 19:32: De Restanten op de Comptoir bedra„ gen. . . . - pr:o 18585: 19:32. Hier bij voege het geen aan bhaar zilver Extra na dier tijd na Iaggernaikp: en Palipol verzonden is, als — Na palicol driebeeldige Pagooden p:s 18444: 4: 8: „ Iaggernaikpoeram aan baar Zilver - - - - - „9500: —. —. „ _„o aan Tiekaals zilver â pagooden met18: percent opgeld. . . . . . . P:rJ:o 67852. 2: 70: Siamse - - - - - - - . „3550: —. –. „26494. 4. 48. 95 Teld - - rr„o 45000: —- - - - - - ƒ202500: —. — De Contantan Sammeeren - - - - - - - ƒ947228. 8. —. Die Transporteeren. - - - - - - „10861: 10: — p: 70713. 12. 70: Te saamen r:o 80253: 12. 70: - - - - - - - - ƒ397140: 18:—. - - - Den 15: September 1780: generaale overslag van te Eijschen Capitaal van anno 1781: O Transport - - - - ƒ 9472: 8:—: waar bij geteld het geen de Coopmanschappen bij verthier na gis„ sing zullen komen op te werpen waar voor stelle in deo„ se tronbeleuze tijden - - Daar en teegen ten Laste zal koomen het volgende, Te weeten de Ingesamelde en versondene Sijwaa„ ten in thien Iaaren agter een Sommeeren ƒ14573400:18. —. door den anderen geslagen komt voor den insaam - - -ƒ1457340:2: —. van een Jaar Edog bij deese troubeltit stelle - - - - - - - ƒ1200000. – –. Lasten van 13: maanden werden gesteld op _ _ _ - - - - - „ 400000. –. –. komt ten Nadeele- „ Zoo dat er nog zoude te kort Schieten - - - - - - - - - - ƒ„52776:12. —. Dus er dient S:o Eijscht te worden is, Nieuwe Eijsch, Voor de Inkomsten werden gesteld _ _ _ - - - - - - - - - „50000: —:— 500000. –. – Dus te zaamen ten voordeele - - - - - - - - - - - - - - - - ƒ1447228: 8. —. - - - - - - - - - - - ƒ450000: —. —. ƒ700000: Guldens Nederlands Geld aan Goud ongemunt Dieverse Te weekten ƒƒ 200000:—. —: aan sagt Goud Essaijeerende 20: C:t n 1/5 g=r tot drie beel„ _:o _:o 18: „ 5½. „ Nieuwd Nagap=se dige Pagood, „ 500000: aan goud Pagooden, „ 250000: —. –. Guldens Nederlands Geld aan Goud van 15: Cr=t tot het min„ ten van nieuwe Nagapatnamse Jamuus „ 50000: —. –. Guldens Nederlands geld aan Bhaar Zilver tot het stempelen van Ropijen, en het maaken van matten het aanhanden zijnde Daar op na deliberatie, mitsgaders uijt aanmerking van de geringe apparentie die er is op een obutentie inzaam goedgevonden en verstaan is, - _ _ _ _ _ _ _ _ ƒ1600000. – –. den
English
729. The 15th of September 1780. to fix the provisional money requisition for the year 1781 at only 1000000 guilders Dutch currency, of which, ½ ton in bullion Gold, and ½ ton in silver. While lastly it has also been agreed to take into service as soldier at ƒ9 per month Wilhelmus Christoffel Knassen of Nagapatnam, and also to change the cook's mate Christiaan Dubbelman and soldier Johannes Weeber to Gunner, the former retaining his current pay of up to ƒ16 on his current contract, and the other at ƒ14 on a new contract commencing today. Thus done and resolved in the Castle at Nagapatnam on the date aforesaid; signed as before, Except P: I: Dormieux. Tuesday Tuesday the 19th of September 1780. Notification that several books have been damaged by white ants and become unrecognizable, and that by those vermin the books were being more and more infested. Forenoon at 9 o'clock. Council of Policy meeting. Absent: The Senior Merchant and Honorable Head Administrator Philippus Jacobus Dormieux. The Pay Bookkeeper Brouwerius Brouwer has made known by Petition, that upon taking over the Pay Office in the month of January of this year, he had already noticed that various bundles of pay papers were so severely infested by the white ants that they were almost unrecognizable; That since then he had indeed used all possible means to prevent further decay, but that instead of this having helped, 731. The 19th of September 1780. Resolved therefore to have the same inspected by two commissioners, and thus to submit a report thereof. those destructive vermin spread more and more, so that daily whole bundles were infested, whereby it was to be feared, if the spoiled bundles and books were not removed, the entire Pay Office would be infested; with the request that this might be provided against. Whereupon it was approved and agreed to have all the books and papers of the Pay Office exactly inspected by the Junior Merchant Mr. Siwert Mossel and the Bookkeeper Hieronimus Jacobus van Someren van Vrijenes, with orders to them to submit a written report of their findings. Upon a further petition, certain fees have been granted to the aforementioned pay bookkeeper for the booking and lifting of accounts, as well as for drawing up registers. The aforementioned pay bookkeeper Brouwerius Brouwer having shown in a second petition that the pay bookkeepers at all establishments of the Honorable Company in the Indies had been granted, as a means of livelihood, permission to receive for the booking of a pay account 3 fanams or 12 stuivers, for the lifting of accounts 6 fanams or 24 stuivers, and for drawing up the Register 24 fanams or 96 stuivers; with the request therefore, since the payment of the aforesaid money seems to have fallen into disuse here, that he may be permitted henceforth, upon the booking or lifting of accounts, The 19th of September 1780. such 733. The 19th of September 1780. continuation. to take such fees as are written hereinbefore; it is, considering that it is no more than fair that the pay bookkeeper here should enjoy the same douceur that has been granted to the pay bookkeepers at the other Head Offices of the Company, approved and agreed to condescend to his aforesaid request, and consequently to permit him to collect the following fees, namely: For the booking of a pay account: f:o 3.—. For extracting a pay account: 6.—, and For the Register required in transferring accounts: 24.—. And this above or exclusive of the cost of the stamps belonging thereto, which must be paid separately. To the burgher Kerkenberg permission is granted to depart for Batavia. The general farmer Draatja has paid 750 Porto Novo Pagodas and 64726 marakkals of paddy, and still remains in debt for 1859 Porto Novo Pagodas 1 fanam ½ cash and 307371 marakkals of paddy. On the request made thereto by Petition from the local burgher Paulus Josephus Kerkenberg, it is approved and agreed hereby to permit him to depart for Batavia on the private bark De Hoop. By the Adigar of the Villages, Johannes Scheuneman, it has been shown in a submitted written Report that the general Farmer of the Company's Villages, Draatje Wenketeelja Chetti, who as of the ultimate of May last was still indebted to the Company for 2609 Pagodas 1½ fanams and 372097 marakkals of paddy, has since paid The 19th of September 1780. in reduction 735. The 19th of September 1780. The Trade Bookkeeper is permitted to close the books of 1778/9. 750 Porto Novo Pagodas and 64726 marakkals of paddy, and that thus the same today still remained in debt for 1859 Pagodas 1 fanam ½ cash and 307371 marakkals of paddy; regarding which, after deliberation, it is not only agreed to keep a record hereby, but also to note for instruction that according to the notification by the Adigar aforesaid at the foot of his Report, of the 307371 marakkals of paddy, 227744¾ marakkals of paddy must be delivered by the former Farmer Draatje, but the remaining 79626¼ marakkals by his guarantor, the Company's merchant Patavi Rama Nayakar. The merchant and Trade Bookkeeper Peracules Mossel having made known in a submitted report that he with the Trade books of 1778/9
Dutch transcription
729. Den 15: September 17500 den provisioneelen Geld Eijsch voor den Iaare 1781: maar te bepaalen op 1000000: guldens Nederlandsch geld waarvan, ½: ton aan baar Goud, en — ½. ton aan zilver. Terwijl laastelijk nog verstaan is voor sold=t met ƒ9: ter maand in dienst te neemen wilhel„ mus Christoffel knassen van Nagapat„ ham mitsgaders den koksmaat Chris„ tiaan Dubbelman en soldaat Johan„ nes weeber tot Cannonier te Changeeren den eersten met behoud van zijne tans winnende gagie tot ƒ 16: of zijn loopend, en den anderen met ƒ14: op een nieuw verband heeden ingaande, Aldus Gedaan en gearresteerd in't Casteel tot Nagapatnam dato voorsz: geteekend als vooren Excepto P: I: Dormieux Dingsdag n „ . Dingsdag den 19: September 1780: Te kennen Jaare van Zalelijbaak„ mige boeken door de witte mieren aangestooken anken„ baar geworden zijn. En dat door dat ongedient de boeken meeren, meer wier„ den aangestooken, 's voormiddags ten 9: uuren Vergadering van Politie Absent Den opperkoopman en E: Hoofd-administrateur Philippus Iacobeus Dormicux houden te mnege t al n en soldij boekhouder Brouwerius Brou„ wer heeft bij Requeste te kennen gegeeven, dat hij bij het overneemen van het soldij Comptoir in de maand Ianuarij deeses Iaars bereeds ontwaard hadt dat er diverse bondels met soldij Papieren zoodanig door de witte mieren waren aangestooken; dat die bij na onken baar waren, Dat hij seedert wel alle mogelijk mid„ delen hadt aangewend om het ver„ dere verderff te verhoeden, dog dat in steede dat dit zou hebben gehol„ pen 731 Den 19: Septtember 1700 E ve door twee gecommitteer„ „dens te laaten opneemen dienen. pen, dat verwoestend ongedierte zig meer en meer uijtbreide zoo dat er dagelijks gaare bondels wierden aan„ gestoken, waardoor het te vreesen was zoo de bedorven bondels en boeken niet wierden weggenoomen, het gansche soldij-Comptoir zou worden aange„ stoken: met versoek dat daarentee„ gen mogt worden voorsien Waarop, goedgevonden en verstaan beslijt dien halven om de sel„ is alle de boeken en Papieren van en dus weegen van rapport het soldij Comptoir exactelijk te laa„ ten visiteeren door den onderkoop„ man M:r Siwert Mossel, en den Boekhouder Hieronimus Iacobus van someren van vrijenes, met last aan deselven om van hunne bevinding te dienen van schrifte„ lijk ƒ op Eer nader request is aan gem: zoldij boekhouder eenige salarissen voor het in boeken„ en lij ten der reekeningenn soo wel als voort het op„ maaken van registen toege„ legd; lijk rapport—. Door den opgemelden soldij-boekhou„ der Broerius Brouwer bij een tweede request vertoond zijnde, dat aan de soldij-boekhouders op alle de Eablis„ sementen van de E: Compagnie in Indien, tot een middel van bestaan was toegelegt, om voor het inboeken van een soldij-reekening te moogen genieten 3: Jan:s of 12: stuijvers voor het ligter der reekeningen 6: Jan:s of 24: stuijvers, en voor het opmaaken van . het Register 24. Jan:s of 96: stuijvers met versoek derhalven, wijl het betaalen van het voorschreeve geld alhier in onbruijk schijntgeraakt te zijn, dat hem mag worden ge„ permitteerd, om voortaan bij het in„ boeken of ligten van reekeningen Den 19: September 1780. —. zoodanig. 733. Den 19: September 1788. vervolg: zoodanige Salarissen te moogen neemen als hier vooren beschreeven staan: zoo is, uijt aanmerking het niet meer als billijk is, dat den soldij-boekhouder alhier het eijge douceur geniet, het geen aan de soldij boekhouders op de overige Hoofd Comptoiren van de Compagnie is toegevoegd, goedgevonden en verstaan in zijn voorsz: versoek te Condescen„ deeren, en hem dienvolgende te permit„ teeren aan de volgende te pennettieren om de volgende Salarissen te moogen invorderen; als. voor het inboeken van soldij ree„ kening. - - - --- f:o 3:—. voor het uijttrekken van een sol„ dij reekening - - - - - - - - - „ 6. — en voor het Register bij het overma„ ken van reekeningen benodigd. - . „ 24: —. en zulks boven of buijten het kosten„ de N Aan den vrijburger kerken„ berg is permissie vergund om na batavia te verlossen, den generaalen pagter draat„ ja heeft P p:o 750: —: - , 6 4726: maatenelij afgelegden is nog P: J:o 1859: 1:½½: en 307371: maaken Nelij de bet gebleeven, de der daar toe behoorende, zeegels, die apart zullen moeten worden betaald O het daar toe bij Requeste gedaan V. versoek van den vrijburger alhier Paulus Iosephus kerkenberg is goedgevonden en verstaan hem bij deesen te permitteeren om met de particuliere bark de Hoopna Ba„ tavia te mogen vertrekken Door den adigaar der Dorpen Johannes Scheuneman, is bij een ingekoomen schriftelijk Rapport vertoond, dat den generaalen Pagter van 'sCompagnies Dorpen Draatje wenke teeja Chittij, welke onder ult:o maij laastleeden aan de Compagnie nog de bet was Pagooden 2609:1½: en 372097: maaten nelij, seedert in Den 19: September 1780. mindering 17 735. Den 19: September 1780. E gepermitteerd om de boeken mindering afgelegt heeft Pija 750. –. en 64726. maaten nelij, en dat dus denselven op heeden nog debet bleef pagooden 189: 1:½ en 307371: maaten nelij, waar van nade„ liberatie, niet alleen verstaan is bij dee„ sen aanteekening te houden, maar ook tot narigt te noteeren, dat volgens be„ kendstelling, door den adigaar voor„ noemd, bij den voet van zijn Rapport, van de 307371: maaten nelij 227744:¾: maaten nelij, den geweesen Pagter Draatje dog de overige 79626:¼: maa„ ten door zijnen borgden Compagnies koopman Patavi Rama Naij„ ker moeten geleeverd worden Den koopman, en Negotie-boekhou„ den Negatie boekhouder is der Peracules Mossel, bij een ingediend van yen en te sluijten. Berigt te kennen gegeeven hebbende, dat hij met de Negotie-boeken van 1773/9.
English
19 September 1780 Decision to deliberate upon the minutes of the letter from Their High Excellencies dated 6 June 1780. 1777/9 was so far advanced as to be near closing; thus, in accordance with his request, it has been approved and agreed to permit him hereby to proceed with the closing of the aforementioned books. And ordinary business having been concluded herewith, the Lord Governor produced in Council the minutes excerpted by order of His Honour from the much-esteemed letter of Their High Excellencies dated 6 June 1780, with the proposal to spend the remaining time of this meeting in deliberating upon them, in order to be able to frame a suitable reply thereto. Having unanimously agreed to this, it was approved and resolved to give dutiful notice to Their High Excellencies aforesaid of the arrival 737. 19 September 1780 The Pallas to Jagg: was dispatched with a good intention and based on the advice given by the ship's officers. arrival here of the counter-vessel Hoorn on the 1st of this month, and of the receipt therewith of Their High Excellencies' respected letter of the 6th of June preceding, serving as a continuation of Their High Excellencies' letter of the 30th of April of this year, in reply to the letters of this Government dated 23 October 1729 and 22 January 1780. Further, as remarks were made by Their High Excellencies regarding the late dispatch of the counter-vessel the Pallas in the past year, it was agreed in that respect first of all to assure Their High Excellencies that the dispatch of that ship in the past year to Jaggernaikpoeram, in order to return from there, was done with a good intention and on the foundation What has been resolved to demonstrate to Their High Excellencies in that regard. foundation of the advice given by the ship's officers, considering that these had assured the Council that they saw a chance to be back here before the end of the month of September with all the coarse and fine linens, as well as sewn garments, that would be in stock there. To the discharge of the Council. While subsequently, to the discharge of the Council, it was found good to demonstrate to Their High Excellencies that if this had succeeded as one might have expected, one would still have had enough time here to ship all the fine linens to be found among them, after re-sorting, in the return ship, whereby the main objective of its dispatch would at the same time have been met, 19 September 1780 739. 19 September 1780 And further to cite those reasons. citing further that, although this failed, both on account of its adverse voyage to and from Jaggernaikpoeram, one nevertheless hopes that the late dispatch of that vessel to Batavia will not be attributed by Their High Excellencies to the slight difference of two days that this vessel was detained here longer than the day which the ship's officers had appointed for their departure to Jaggernaikpoeram, and all the more so since those officers themselves caused this longer delay, and moreover it has become evident to this Council that already some days before the arrival of the ship the Pallas in sight of Jaggernaikpoeram, there not only very heavy Henceforth, to prevent the justifiable displeasure of Their High Excellencies, ships will not be detained beyond the appointed time. demonstrating further that since it would be quite accidental, if the ship had sprung a leak between here and Jaggernaikpoeram, that precisely all the European bales laden therein should have remained dry, one maintains, with submission to a better opinion, that the ship sprang a leak and the bales became wet between here and Batavia. However, in order to prevent for the future the justifiable displeasure which Their High Excellencies had conceived over the long detention of the ship the Pallas, it was agreed to assure Their High Excellencies that, both from this year onwards and in the future, care will be taken that the ships are not detained here beyond the appointed time. 19 September 1780 743 19 September 1780 Also to that end, early loading of the ships, and causing the bales to be prepared in good time. The extracts from the report of the linen sorters have been dispatched to the outer offices with the necessary orders. detained. And since the early preparation of the bales that are to serve for the loading of the ships can contribute much thereto, as has been rightly observed by Their High Excellencies, it was agreed to take the necessary care for this as well, and not to detain any ship for even a single day beyond the appointed sailing day on the prospect of receiving more bales within a few days. Since, from the report received from the linen sorters concerning their findings on the linen bales brought by the Pallas, not only the necessary extracts have already 19 September 1780 Assurance that in dispatching a counter-vessel from here or from the north, one will act according to the best interests of the Company. written, to see carefully to it henceforth and take care that the linens are packaged undamaged and dry. It being further left by Their High Excellencies to the discretion of this Council to dispatch the counter-vessel either from here or from the North, it was agreed, with thanks for the confidence which Their High Excellencies have been pleased to place in this Council, to assure Their High Excellencies that henceforth, with regard to the dispatching of a counter-vessel, one will act according to the best interests of the Company, at the same time taking care that this ship, whether from here or from the North, is dispatched early.
Dutch transcription
Den 19 September 1780 besluijt, om over de notuten van H: Hoog Edelheedens mis„ sive van den 6: Iunij 1780: te be„ Soigneeren. 1777/9: het op het sluijten toe gevorderd was; zoo is, vollgens zijn versoek, goedgevonden en verstaan, hem bij deezen te permit„ teeren, om met het sluijten der voor„ schreeve Boeken voort te vaaren, En hier meede de ordinaire zaaken afgehandelt zijnde, heeft den Heer gou„ verneur in Raade gepraduceerd, de op ordre van zijn Edele geexerpeerde Notulen uijt Haar Hoog Edelheedens seer g'eerde missive van den 6: Iunij 1780: met propositie om den overigen tijd deeser bij eenkomste te besleeden, met daarover te besoigneeren; ten eijnde er eene gepaste rescriptie op te kunnen beraamen: soo is, hier toe unanimiter beslooten weesende goedgevonden en verstaan, Hunne Hoog Edelheedens voornoemd schuld plig„ tig kennisse te geeven van het arri„ vement E 737. Den 19: September 1780 de pallas na Jagg: is met een goed oog merk in op „ het geachiceerde door den overhoofden geschied, vement alhier van het Contra-schip. Hoorn op den 1: deeser, en van den ont„ vangst daarmeede van Hoog derselver gerespecteerde missive van den 6: Iunij bevoorens, dienende ten vervolge van Hoog derselver missive van den 30: april deeses Iaars, in antwoord op de brieven deesen Regeering van den 23: october 1729: en 22: Januarij 1780 — Wijders door Hunne Hoog Edel, oe desele van het schip heedens remarque gemaakt zijnde, over de Laaste depeche van het Con„ tra-schip de Pallas in anno pas„ sato, zoo is ten dien respecte ver„ staan Hoog deselven vooraf te ver„ zeekeren dat de depeche van dat schip in anno Passato na Iaggernaik„ poeram, om van daar te rug te keeren, met een goed oogmerk en op funda„ ment wat beslooten is daar omtren H: L: vedt: te vertoonen, „ment van het geadviseerde door de scheeps- overheeden is geschied, gemerkt deezen den Raad verseekerd hadden kans te zien om voor het uijt eijnde van de maand september alhier te rug te weesen met alle de grove en fijne lijwaaten, mitsgaders ge„ zaaijde kleeden, die aldaar zouden in voorraad zijn tot de Charge van den raad aan Terwijl vervolgens tot decharge van den Raad goedgevonden is, Hoog deselven te vertoonen, dat wanneer dit was ge„ lukt gelijk men hadt mogen verwagten, men alhier nog teijds genoeg gehadt hadt, om alle de daar onder te vinden zijnde fijne lijwaaten, na gedaane hersortatie in het retourschip af te scheepen, waar door teffens aan het grootste oogmerk van zijn depeche zou voldaan gewor„ Den 19: September 1780— den 739. Den 19: September 1780 en die d'weegen verder aan te„ haalen; den zijn, onder aanhaaling verder, dat schoon dit mislukt is, zoo wel door zijne tegenspoedige reijze na als van -Jag„ gernaikpoeram, men egter niet en hoopt dat de laate depeche van dien bodem na Batavia, door Hunne Hoog Edel„ heedens zal worden toegeschreeven aan het geringe verschil van twee dagen, dat dien bodem hier langer aangehouden is, als den dag die de scheeps-overheeden bepaalt hadden tot hun vertrek na Iaggernaik poeram, en sulks nog te meerwijl die overheeden zelfs dit langer verloff veroorsaakt hebben, en boven dien aan deesen Raade ge„ bleeken is, dat bereeds eenige dagen voor de komst van het schip de Pallas in het gezigt van Iagger„ naikpoeram er niet alleen seer Zwaar Men zal voortaan, om het billijk misnoegen A: A: Ed: voor te koomen de schee„ pen niet booven den bepaal„ tooning verder, dat dewijl het al zeer toe„ vallig zou weesen, soo het schip tus„ schen hier en Iaggernaikpoeram was lek geworden, dat Juijst alle de daar in afgelaaden geweest zijnde Europasche pakken zouden zijn droog gebleeven, men met onderwerping aan een beeten gevoelen vast steld dat het schip tusschen hier en Bata„ via lek, en de pakken nat geworden zijn; Dan om egter het billijk misnoegen, den teijd aan honden a het geen Hunne Hoog Edelheedens hadden opgevat, over het lang aan houd van het schip de Pallas, voor het ver„ volg voor te komen, is verstaan Hoog deselven te verseekeren, dat men soo wel van dit Iaar als vervolgens zorg sal draagen dat de scheepen alhier niet boven den bepaalden tijd Den 19: September 1780. worden 1 743 Den 19: September 1780— ook ten dien Eijnde vroegtijdige belaasting der scheepen, rigt der lijwaat sorteer„ ders zijn met de noodige ten Comptoiren afgeson„ worden aangehouden. En nadien daartoe veel Contribuee„ E„n maaken dat de pakken ven kan, het vroegtijdig in gereedheijd in gereedheijd geraaken tot brengen der pakken, die tot belaading der scheepen dienen moeten, soo als door Hunne Hoog Edelheedens te regt is aangemerkt: Soo is verstaan daar voor ook de noodige zorge te draagen, mitsgaders geen schip op vooruijtzigt van binnen wijnig dagen meerder pak„ ken te zullen in krijgen, een enkelden dag, boven den bepaalden Zeijldag aan te houden Dewijl van het ontvangen Berigt der de Extracten uijt het be„ „lijwaat sorteerders, weegens hunne aan beveelingen na de buij„ bevinding van de Lijwaatpakken den. 6 met de Pallas aangebragt, be„ reeds niet alleen de noodige Extrac„ ten Den 19: September 1780 verteekering dat men in het depecheeren van een contra schip van hier off van de noord, na het minste be„ werk gaan, aangeschreeven, om voortaan naauwkeurig toe te zien en zorg te dragen dat de Lijwaaten gaaf en droog worden geemba„ leerd. —. Door Hunne Hoog Edelheedens ver„ E lang van de Comp: zalte volgens, aan het goedvinden van deesen Raade overgelaaten zijnde, het depe„ Cheeren van het Contraschip, 't zij van hier of van de Noord zoo is onder dankzegging voor het vertrou„ wen het geen Hoog deselven in deesen Raade hebben gelieven te stellen, ver„ staan Hunne Hoog Edelheedens, te versekeren dat men voortaan met relatie tot het depecheeren van een Contra-schip, na het meeste belang van de Compagnie zal te werk gaan, teffens zorg draagende dat dit schip 't zij van hier of van de Noord vroegtijdig ge„ depechierd d
English
747. The 19th September 1780 dispatched. Concerning the remark of Their High Excellencies regarding the long detention here in the year 1778 of the ship the Bovenkerkerpolder, which had departed for Bengal, it was understood after deliberation to reply with respect that when this Council stated in its humble advices of the 25th September that the long detention of the ship the Bovenkerkerpolder had taken place at the request of the skipper, who did not wish to be before the Ganges before the spring tide after the full moon, one had stated the pure truth, and that it therefore causes this Council extreme regret that they The 19th September 1780 And what was understood to remark concerning Claas Roem, skipper in Bengal, did not refute the pretense of that skipper in Bengal, namely that he was not responsible for that long voyage, in their humble advices of the month of October 1779; since this silence had made Their High Excellencies doubt whether they had indeed been truthfully informed regarding it. While it was furthermore understood to remark hereupon that if this Council could ever have thought that a man like Claas Roem, who had already for so long enjoyed the honor of being vested with the character of skipper in the service of the Dutch Company, would be capable of denying in Bengal that which he, more than once, had requested from the Governor not only in 749. The 19 September 1780 in the presence of all or most Members of the Council, but also in the presence of various other persons (as he indeed did, and of which, if necessary, living witnesses enough could still be found), one would have ordered him to submit this request of his, "not to be dispatched from here any earlier than after he could be assured of not being before the Ganges any earlier than after the spring tide of the full moon in August," by means of a petition; demonstrating furthermore that although one has indeed seen since or from Their High Excellencies' dispatch of the 27th April 1779 that Roem The 19th September 1780 One asks excuse for the non-demonstration of the known state of that affair beforehand even, and under what assurance. was not the man for whom one had taken him in good faith, this Council, being devoid of all evidence to contradict his pretense and that of the Bengal Ministers, nevertheless solely resolved to ask Their High Excellencies for an excuse regarding the long detention of that ship, without considering the doubt that must thereby be awakened in Their High Excellencies; And that consequently, humbly asking excuse for this, one assures Their High Excellencies that this Council has never been, nor ever will be, so shameless as to intentionally dish up an untruth to Their High Excellencies, as 751. The 19th September 1780 One shall henceforth not so easily put faith in verbal requests of skippers. might rightly be inferred from the reply of the said skipper in Bengal, and the silence of this Government. Subsequently, with respect to this case, it was not only understood to note in the outgoing letter that one has learned thereby no longer to put such easy faith in the verbal requests of ship officers of whose good faith one is no better informed than of that of skipper Roem, but also to remark with respect that it seems incomprehensible to this Council that the Bengal Ministers have directly deferred such credit to the pretense of the said skipper, in view of the fact that they could very easily gather that since there was no one here The 19th September 1780. received report of the 100 bales of ordinary bleached Guinees collected for Europe, but sent with the Pallas to Batavia. who could have had any advantage or disadvantage from his long or short stay, there could also be no reasons in the world that would have moved this Council to detain the aforementioned ship the Bovenkerkerpolder here against the skipper's wish a single day longer than was strictly necessary. Among the enclosures of Their High Excellencies' aforementioned dispatch of the 6th June having also been received the report of the 100 bales of coarse bleached Guinees, sent in the past year from the lot collected for Europe to Batavia with the Pallas: it was not only understood to thank the aforementioned Their High Excellencies very humbly for its transmission, 753. The 19 September 1780 What was understood to demonstrate concerning the non-submission of the bales and the amount thereof, by letter of the 23rd September 1779. but also for the provided communication of the report and the proper accounting at Batavia of the private bales which were stated in the letter of this Government of the 25th September 1778 as having been shipped on the vessel the Veldhoen, although it subsequently appeared to the Council that they had sailed past Jagannathpuram. Subsequently, it having been remarked by Their High Excellencies that in the letter of this Government of the 23rd October 1779 a passage had indeed been drafted to inform them how many private linen bales the
Dutch transcription
747. Den 19: September 1780— depocheerd word. — N'Nopens de remarque van Hunne Hoog Edelheedens weegens de Lange aanhouding alhier in anno vijxer: van het voor Bengale uijtgekomene schip de Bovenkerkerpolder, is na deliberatie verstaan met eerbied te rescribeeren, dat, toen deesen Raade bij haare needrige advisen van den 25: September melden, de lange aanhouding van het schip de Bovenkerkerpolder geschied was, op het versoek van den schipper, die niet eerder voor de ganges wilden zijn, als na het naspring van de volle maan, men de zuijvere waarheijd heeft gemeld, en dat het derhalven, deesen Raade ten uijttersten leet doet, dat zij het voorgeven van dien schipper E Den 19: September 1780 E En wat verstaan is omtrend Claas Bormbaend weegen aan te merken, schipper in Bengale, namentlijk dat hij voor die lange reijse niet verandwoor„ 7 „delijk was; niet wederlegt hebben bij haare needrige advisen van de maand october 1779: alsoo dit stel swijgen Hunne Hoog Edelheedens hadt doen twijffelen of men Hoog deselven daar omtrend wel na waarheijd gein„ formeerd hadt. het gedrag van den Cakitaan Terwijl voorts verstaan is, hier om„ trent aan te merken dat soo deezen Raade ovijt het kunnen denken, dat een man als Claas Roem, die bereeds zoo lang de Eene hadt, van met Caracter van schip„ per in dienst van de Hollandsche Compagnie bekleed te weesen, in staat zou zijn, om in Bengale te ontkennen dat geen het welk hij meer als eens niet alleen in 749. Den 19 September 1780 in presentie van alle of de meeste Leeden van den Raad, maar ook ten bijweesen van verscheijde andere persoonen van den Heer Gouverneur heeft versogt (:gelijk hij in waarheijd gedaan heeft, en waar . van als noods nog getuijgen genoeg in F levendig lijven zouden te vinden zijn:) men hem gelast zou hebben, dit zijn versoek„ om niet eerder van hier „gedepecheerd te moogen wierden, dan „na dat hij verseekerd sou kunnen . . „weesen van niet eerder voor de ganges „te zullen zijn als na het naspring „van de vollemaan in augustus„ bij requeste te doen: onder vertooning wijders dat men seedert of bij Hoog„ derselver missive van den 27: april 779: wel gesien heeft, dat Roem den Den 19: September 1780 Men vraagt Excus over de non„ vertooning der weetentlijke gesteldheijd dien affaire be„ voorens selfs, en onder welke verseekering—. den man niet was waar voor men hem ter goeder trouw hadt aangesien, dog dat men egter, wijl deesen Raad van alle bewijsen om het voorgeeven van hem en dat der Bengaalsche Mi„ nistens tegen te spreeken, ontbloot was, eenlijk beslooten heeft, om over de lange aan houding van dat schip, bij Hoog„ deselven om excus te vraagen, sonder gedagten te maaken op de twijffeling die daar door bij Hunne Hoog Edelheedens moest worden verwekt; En dat men dienvolgende, hier over needrig excus vraagende Hoogdeselven versekerd, dat deesen Raade nog nimmer soo onbeschaamd geweest is of weesen sal, om Hunne Hoog= Edelheedens al voorbedagtelijk eene onwaarheijd op te disschen, soo als uijt 751. Den 19: September 1780 Men zal voortaan soo ligt geen gelooft slaan aan mondelinge versoe„ uijt het antwoord van den gemelden schip„ per in Bengale, en het stilzwijgen dee„ zer Regeering met regt kan worden op„ gemaakt Vervolgens is met opzigt tot dit geval, niet alleen verstaan bij den afgaan en van schippers. den brief te nooteeren, dat men het door geleerd heeft van soo ligt geen geloof meer te moeten slaan aan de mondelinge versoeken van scheeps-overheeden van welkers goede trouw men niet beeter als van die van schipper Roem gein„ formeerd is, maar ook met eerbied aan„ te merken, dat het deesen Raade on„ begrijpelijk voorkomt, dat de Bengaal„ sche Ministers soo maar direct: ge„ loof gedefereerd hebben aan het voorge„ ven van den gemelden schipper, uijt hoofde zij immen seer ligtelijk kon„ den nagaan, dat wijl hier niemand was 16 Den 19: September 1780. ontfangen berigt van de 100: pakken guin:s gem: gebleekt voor Europa in„ gesameld, dog met de den. was, die eenig voor af nadeel hadt kun„ nen hebben bij zijn lang of kort ver„ blijf, er ook geen reedenen te wereld kon„ den weesen, die deesen Raade soude bewagen hebben, om het opgemelde schip de Bovenkerkerpolder, tegens de zin van den schipper alhier een enkelden dag langer aan te houden als volstrekt noodsaakelijk was, Onder de Bijlaagen van Haar Hoog spallar na Batavia geson del=heedens opgemelden missive van den 6: Iunij ook ontvangen zijnde, het Berigt van de 100: Pakken guinees grof gebleekt, in anno Passato, uijt de voor Eurapa ingezamelde par„ tij, met de Pallas na Batavia afge„ sonden: zoo is niet alleen verstaan, Hunne Hoog Edelheedens voornoemd, voor 3 753. September 1780 Den 19 S „toonen omtrend het non„ ingediend laaten der pakken en dus bedraa„ gen, bij briev van den 23: voor dies toeschikking zeer nedrig te bedan„ ken, maar ook voor de gegeve Commid„ nicatie van den aanbreng en het behoor„ lijk verantwoorden op Batavia van de particuliere pakken, welke bij den brief deeser Regeering van den 25: Sep„ „tember 1771, als afgescheept in het schip het veldhoen waren opgegeven, schoon naderhand aan den Raadge„ bleeken is, dat die op zaggernaik„ poeram agter uijt geseijld zijn —. ervolgens door Hunne Hoog Edel„ wat verstaanis 4: vir„ heedens geremarqueerd zijnde, dat bij den brief deeser Regeering van den 23: 7ber 179. —. october 1779: wel een periode was gefor„ meerd, om Hoog deselven te berigten hoo verl par te Cohiere lijvaaten hoe veel particuliere lijwaat-pakken het
English
The 19th September 1780 continued, the packet ship De Pallas were entered, but that the number thereof was as little filled in as their amounts in money, it was resolved and agreed, in answer to that remark, to represent with the greatest respect to Their High Excellencies that two to three days before the dispatch of the packet ship De Pallas in anno passato, stormy weather with a rough sea was experienced here; that because of this, several shallops with private linens that had been shipped out to the said vessel were beaten off from alongside, and afterwards turned up either here or in the river of the sea town Senhora de Saude, having therefore not been able to obtain an account of 754. The 19th September 1780 Remark of Their High Excellencies on the non-insertion into the resolution of the delivered cargo of the ship De Pallas, the packages that were actually received on board, this Council was consequently compelled, upon the closing of their letter of the 23rd October 1779, to leave the number of the packages as well as their amounts in money blank, adding furthermore that, although notice could have been given of this by postscript, very humble apologies are asked for this omission; Upon the further remark of Their High Excellencies that from the resolution of this Government of the 5th October 1779 it had indeed been evident to Them that the officers of De Pallas had been debited for 1 piece short-delivered grenadier musket, but that Their High Excellencies The 19th September 1780 continued, could not trace what they had brought forward for their justification, because the findings on the delivered cargo had not been inserted into the said resolution, it was agreed to write back with respect that, since the master of the ship De Pallas as well as the mate, who had received the chest with papers at Batavia, declared to the Governor that they could not give the slightest explanation for that deficit, nothing was noted about it either in the findings on the delivered cargo of that ship, but that this will henceforth always be caused to be noted in the findings, and at the same time care will be taken that this document is inserted into the resolutions each time. 757. The 19th September 1780 Resolution to strictly comply with the regulations regarding the supply of medicines. Their High Excellencies having subsequently also made a remark concerning the supply of medicines here to the ship De Held Woltemade, with the recommendation to follow the regulations in this matter; it was therefore agreed to strictly adhere to them henceforth, although recently one was obliged to allow slightly more to be supplied to the ship De Triton than was done in anno passato to the ships De Held Woltemade and De Pallas, on the grounds that the surgeon-major of that vessel, as well as the previous ones, testified that they could not make the voyage without the aforementioned medicines, since they had not received at Batavia what they needed most. The 19th September 1780 Thanks for the arrangements made with respect to the linen packages brought to Batavia by the bark De Eendragt. Resolution to notify Their High Excellencies that at the subordinate factories here, both wages etc. had Furthermore, with thanks for the communicated information of the arrangements made with respect to the linen packages brought to Batavia with the locally stationed bark De Eendragt, it was agreed to note in the outgoing letter that, according to the desire of Their High Excellencies, as far as is presently possible due to the man's death, the conduct maintained by the commander of the bark De Eendragt, Michiel Woller, during his voyage will be investigated shortly, in order to report to Them on this on a future occasion. Meanwhile, it was agreed, on the basis of the report received regarding this from the Master Attendant 759. The 19th September Anno 1780 What was agreed to represent regarding the order of Their High Excellencies to give sailing orders to the commanders of the vessels here, and to await orders thereon. here, Jacob Hartman, to inform Their High Excellencies that at the subordinate factories of this Government, when the commanders come to request it, the seamen on the vessels stationed here are provided with exactly as much in wages, rations, and board money as was stated by the commander of the bark De Eendragt to the Malacca ministers. Subsequently, with respect to the ordered issuance of sailing orders to such small vessels, it was agreed to represent with respect that this Council would already have dutifully complied with this, if they did not fear that the commanders of such vessels would thereby be all the The 19th September 1780 continued. more likely to be prevented from completing the voyage, on the grounds that at present, sailing without a sailing order, they can steer according to the conditions of weather, winds, and storms that they encounter, which could not be done in the former case; and that this, according to the modest understanding of the Council, would often cause the loss of a voyage, considering that the variation of the monsoons along this coast differs so much from one year to the next that it is impossible to make any determination in that regard, and thus also no sailing order; that besides all this, all the commanders of the vessels stationed here, except for those of the bark De Eendragt and the sloop 't Loo, are boatswains.
Dutch transcription
Den 19: September 1780 vervolg, het Contra-schip de Pallas waren ingegeven, dog dat het getal daar van zoo min was ingevuld als derselver be„ draagen in gelden zoo is ten beantwoor„ ding van die remarque, goedgevonden en verstaan aan Hunne Hoog-Edelheedens met de meeste eerbied te vertoonen, dat twee à drie dagen voor het de„ pecheeren van het Contra-schip de Lallas in anno Passato, men hier onstuijmig weer met een holle Zee heeft gehadt; dat daar door verscheijde Chialengen met particuliere Lijwaa„ ten, die na boord van gemelden bodem afgescheept waaren van boord geslaa„ gen, en naderhand of hier of in de ri„ vier van de Zee plaats Senhora de saude te regt gekoomen hier door geen opgaaf hebbende kunnen krijgen van E E 754. Den 19: September 1780 Aanmerkingh, h: Eltover de noninsereering bij resolu„ geleeverde landing van van de pakken die werkelijk aan boord ont„ vangen waaren, deesen Raade dienvolgen„ de wel verpligt is om bij het sluijten van haaren brief van den 23: october 1719: het getal der Sakken neevens dersel„ ver bedraagen in gelden oningevuld te laaten, onder aanhaaling wijders, dat wijl egter hier van bij postscrip„ tum kenniss hadt kunnen wor„ den gegeeven, men wegens dit versuijm Zeer nedrig om excus vraagd; Op de verder aanmerking van Hun„ C„G we Hoog-Edelheedens, dat uijt de Re„tie van de bevinding deruijk„ solitie deeser Regeering van den 5: het schip De Pallas, October 1779: aan Hoog deselven wel ge„ bleeven was, dat de overheeden van de Pallas belast geworden waaren voor1: p„s te min uijtgeleverde Gra„ nadiens geweeren, dog dat Hoogde„ selven, Den 19: September 1780 vervol, selven niet hadden kunnen nagaan wat ze ter hunner verschooning hadden bij ge„ bragt, wijl de Bevinding der uijtgeleverde laading ter gemelde Resolutie niet was geinsereerd, is verstaan met eerbied te rescri„ beeren, dat dewijl den schipper van het schip de Pallas zoo wel als den stuur„ man, die de kas met papieren op Ba„ tavia ontfangen hadt, aan den Heer gouverneur verklaard hebben, geen de minsterdeenen te kunnen geeven van die te kort koming, daar van ook bij de Bevinding op de uijtgeleverde Laading van dat schip niets genoteerd is, dan dat men dit egter voortaan altoos bij de Bevindingen sal laaten noteeren, en teffens zorge draagen, en t Haa Sorge draagen zal dat dit papier telkens bij de resolutien geinsereerd worde Door d E 7 757. Den 19: September 1780 strekking van Medica„ de reglementen te rigten Door Hunne Hoog Edelheedens vervol„ Besluijt om in het ver„ gens ook remarque gemaakt zijnde, overmenten sig stipt na het verstrekken alhier van medica„ menten aan het schip de Heldwolte„ made, met recommandatie om sig in deesen te rigten na de reglementen; zoo is verstaan zig daarna voortaan stiptelijk te gedraagen, schoon men onlangs verpligt geweest is aan het schip de Triton iets meerder te moeten laaten verstrekken als in anno passato aan het schip de Heldwoltemade en de Pallas geschied is, uijt hoofde den opperchirurgijn van dien bodem, soo wel als de voorigen, hebben betuijgd, van de reijze, buijten de voorsz: medicamen„ ten niet te kunnen doen, nadien te op Batavia niet ontfangen had„ den, het geen se het meeste noodig hadden. Den 19: September 1780 Dank voor de gemaakte schikking met opzigt tot de p:r de bank de Eendragt Lijwaat Pakken — len dat op de buijten Comptoi„ ren alhier soo wel gagie &„a vers Wijders is, onder dankzegging voor te batavia aangebragt de gegeve Communicatie van de gemaakte schikkingen met opzigt tot de Lijwaat= pakken met de alhier thuijshoorende bark de Eendragt op Batavia aan„ gebragt, verstaan bij den afgaanden brief te noteeren, dat men na de begeerte van Hunne Hoog Edelheedens voor zoo ver zulks, door Smans dood thans mo„ gelijk is, eerstdaags zal laaten onder„ soeken, het gehouden gedrag van den gesaghebber van de bark de Eendragt Michiel woller gedwurende zijne reijse, ten eijnde hier van bij een nadere geleegendheid aan Hoog deselven verslag te kunnen doen besluijt om d: H: Elt hebeta Terwijl inmiddens verstaan is, of fundament van het daar van ingekoo„ men Rapport van den Equipagiemeester hadden alhier - 759. Den 19: September A: 1730 wat verstaan is te ver„ toonen nopens de ordre H: Hoog Ed: om aan de ge„ „saghebbers der vaartuij„ gen alhier zeijlaas or„ alhier Iacob Hartman, Hunne Hoog Edelheedens te bedeelen, dat op de on„ derhoorige Factorijen deezes Gouvernements (:wanneer het de gesaghebbers komen versoeken:) aan de Zeevarende op de alhier thuijs hoorende vaartuijgen, Juijst zoo veel gage, randsoenen en kostgeld verstrekt wordt, als door den gesag„ hebben van de Bark de Eendragt aan de Malaccasche Ministers is op„ gegeven Vervolgens is met opzigt tot de geor„ donneerde afgaate van Zeillaas or„ dres aan diergelijke kieltjes, verstaandns afte wagten met eerbied te vertoonen, dat deesen Raade hier aan bereeds schuldplig„ tig zou hebben voldaan, zoo zij niet en vreesde dat de Gezaghebbers van diergelijke vaartuijgen, hier door des te Den 19: September 1780 Vervolg. te eerder zouden versteeken worden van de reijze, uijt hoofde ze thans, sonder Zeilaas ordre vaarende stuuren kun„ nen na de omstandigheeden van weer„ winden starm die zij ontmoeten, dat v00 den niet zou kunnen geschieden: en dat dit, na het gering begrip van den Raadal dikwils het verlies van een reijs zou veroorsaaken, gemerkt het het verschil der moussons langs doe„ se kust het eene Iaar van het an„ dere soodanig differeeren, dat daar„ omtrend met geen mogelijkheijd eenige bepaaling en dus ook geen Zeijlaas ordre te maaken is; dat boven dit alles, alle de gesaghebbers, van de hier thuijs hoorende vaartuijgen, be„ halven die van de bark de Een„ dragt en de sloep 't L00, Boots„ lieden.
English
761. 19 September 1780 Resolution to deliver an extract letter from the Right Honourable Gentlemen and a copy report concerning the defects discovered and repaired at Malacca on the bark De Eendragt. are persons who understand nothing more of navigation than that they know how to bring the small craft entrusted to them along and in sight of the shore from the South to the North and from the North to the South, wherefore consequently such a paper would be entirely useless, adding furthermore that one will therefore supersede the issuing of such a paper until Their High Honours' further orders. Meanwhile, it was agreed to have delivered to the Master of Equipage here, Jacob Hartman, an extract from Their High Honours' honored missive of 6 June, alongside a copy of the report of the defects discovered and repaired at Malacca on the bark De Eendragt, with a serious recommendation to the same to take good care that the vessels, prior to their departure from here, are properly provided with everything necessary, in order to be capable thereby of completing their voyage properly. 19 September 1780 The carpentry account of sloops for the year 1778/9 was passed by the Right Honourable Gentlemen with an expectation of reduction; what was resolved to write in reply regarding that expectation. The carpentry and repair accounts of sloops and vessels in the year 1778/9 having indeed been passed by Their High Honours for write-off, yet with the statement that they expect greater economy therein in the future, it was first resolved to answer this with respect: that however much one here exerts oneself to curtail the carpentry and repair accounts of sloops and vessels as much as can be done with some propriety and without detriment to those small craft, that of the aforesaid year, contrary to all expectation, ran higher than had been thought, since the same amounted to a considerable sum of ƒ 27474: 2: 8. That as to what concerns the cause of this increase, one must attribute it primarily to the greater extent of repairs that had to be done in that year on various vessels, but principally to the sloop 't Loo, whose repairs here amounted to ƒ 3933: 5: —. Adding furthermore that this repair was rightly called costly by Their High Honours, yet nevertheless had to be done, since the mentioned vessel could otherwise not have been brought out of the river of Coringe into the sea with the slightest peace of mind. 763. 19 September 1780 Continued. In future one shall not proceed to such repairs without obtained permission. Because the river is too shallow, the large vessels here cannot be inspected. Furthermore, since Their High Honours desire that in the future such heavy repairs shall not be undertaken without Their High Honours' authorization in cases that can brook delay, it was approved and resolved to conduct oneself strictly according to this order in the future. Yet at the same time, in this respect, to represent to Their High Honours with deference: That to none of the large vessels belonging to this coast can any repair be done here, because the river is too shallow to bring those small craft inside, and that one is consequently obliged in the autumn to send the aforesaid sloops to Jaffanapatnam or Jagggernaikpoeram to be repaired. 765. 19 September 1780 And therefore one cannot discover the defects here that are noticed at Coringe or Jaffna. Such a vessel will lie unrepaired for 8 and more months if one must receive permission from Batavia. The danger that such a keel also runs in addition. Request to be allowed, as before, to carry out the repairs to vessels without prior consent. That when those vessels arrive there, it could happen that upon removing the outer hull and making a more exact inspection than could have been done here, defects were discovered which could not have been found here, whereby such a vessel might require an expensive repair without one having been able to know it here. Further mentioning that if one now, according to the aforementioned order, must first submit to Their High Honours the estimate of all major repairs for approval before one may even proceed with the repairs, it is to be feared that the vessels will sometimes have to remain laid up for six, eight, and more months, whether at Jaffanapatnam or in the river of Coringe, without one being able to derive any use from them. And that in addition, it is also to be feared that they will moreover run the danger of being eaten through by the worms that emerge from the fresh or brackish water, and thus be rendered entirely unusable. Whereupon it was subsequently resolved to request Their High Honours, if the aforementioned reasons appear to Their High Honours to be just as weighty as they do to the Council, 767. 19 September 1780 The improper entry of that which was spent on a new tent-chaloup. Request for pardon regarding... to grant them again, as before, the freedom to have the necessary repairs done to the vessels stationed here without prior consent of Their High Honours, with the assurance at the same time that one will not abuse that freedom, but will on the contrary take the necessary care that no unnecessary expenses are charged for it; yet if this should unexpectedly happen again, that one will then, as far as it concerns the chiefs of the subordinate factories, apply rather sharper corrections than took place in the case of the sloops De Walvisch and 't Loo. It having subsequently been remarked by Their High Honours that
Dutch transcription
761. Den 19: September 17110 besluijt ter afgaave van Ex„ tract brieff N: H: Edl: en Copia berigt weg:s te mallacca ontdekten hersteld, gebreeken aande bank de Eendragt, lieden zijn die niets meer van de naviga„ tie verstaan, dan dat zee het hem hun toevertrouwde kieltje langs en in het gesigt van de wal van de Luijd na de Noord en van de Noordna de Zuijd weeten te brengen, waar voor dien vol„ gende, een diergelijk Papier ten eene„ maal onut zou weesen, onder bij„ voeging verder, dat men derhalven met de afgaave van sulk een Pa„ hier supercedeeren zal tot Hoog„ derselver nadere ordre. Ondertusschen is verstaan aan den Equipagiemeester alhier Iacob Hartman te laaten afgeeven Ex„ tract uijt Haar Hoog Edelheedens g'„ eerde missive van den 6: Iunij, neevens Copia van het berigt der te Mallac„ Ca P Den 19: September 1780 De timmeragie reek: van Chialoupen d„n a:o 1777/9: is door H: H: Ed: gepasseerd, der monagie, wat verstaan is omtrend die verwagting te rescribeeren „. ca ontdekte en herstelde gebreeken aan de bark de Eendragt, met ernstige recommandatie aan deselven om tog Zorg te draagen dat de vaartuijgen voor derselver vertrek van hier, van alle het noodige behoorlijk worde voor„ sien, om daar door in staat te zijn, hunne reijze na behooren te kunnen volbrengen; De Timmerasie - en Reparatie- Reeke„ onder verwagting van minningen van sloepen en vaartuijgen in anno 1778/ 9: door Hunne Hoog Edelhee„ dens wel ter afschrijving gepasseerd zijn„ de, dog onder betuijging van daar in voortaan een meerdere menage te ver„ wagten, soo is voor af verstaan, hier op met eerbied te antwoorden, dat hoe zeer men hier zig ook beijvert om de Timmerasie- en Reparatie-reekeningen van sloepen en vaartuijgen zoo veel te 763. Den 19: September 1784 vervolg te besnoeijen als maar met eenigen schik en zonder benaadeling van die kieltjes geschie„ den kan, die van vorsq: teegen alle verwag„ ting aan, wij hooger geloopen is als men hadt gedagt, nadien de zelven bedraa„ gen heeft eene aanzienlijke Somme van ƒ 27474: 2: 8: Dat wat de oorsaak dee„ ser vermeerdering betreft, men die vooral toeschrijven moet aan de meerdere ver„ timmering die er in dat Iaar heeft moe„ ten geschieden aan diverse vaartuijgen, dog principaal aan de sloep 't Loo, welkers vertimmering alhier bedraa„ gen heeft ƒ3933:5. —. onder betuijging ver„ der dat deese vertimmering door Hunne Hoog Edelheedens, te regt kostbaare genoemd is, dog evenwel heeft moeten geschieden, nadien het gemelde vaar„ tuijg anders met geen de minste gerustheijd uijt de rivier van Coringe in d Men sal voortaan tot diergelijke vertimmeringen niet sonder verkregen verloff meer overgaam„ om dat de revier te ondrek is kan de groote vaar„ tuijgen alshier niet geex„ opieerd werden. in zee zoukunnen gebragt geworden zijn— Voorts is, wijl Hoogdeselven begeeren dat voortaan tot diergelijke Zwaare vertimmeringen niet sal worden overgegaan buijten Hoog derselver qua„ lificatie, in gevallen die uijtstel kunnen lijden, goedgevonden en ver„ staan zig voortaan na deese ordre stiptelijk te gedraagen Dog teffens ten dien respecten aan Hoog deselven met eerbied te ver„ toonen, Dat aangeen, van de groote vaartuij„ gen ter deeser kuste 't huijs hoorende, „alhier eenige vertimmering kan wor„ den gedaan, door dien de rivier te ondiep is, om er die kieltjes binnen te haalen, en dat men dienvolgende Den 19: September 1780 verpligt 765. Den 19: September 1780 Een daarom kan men hier diegebreeken en niet aan ontdekt die te Comipe den soo een vaartuijg zal 8: en meer maanden ongenepa„ reerd blijven leggen soo men via permissie moet ont„ vangen. verpligt is, de voorsz sloepen in het najaar na Iaffanapatnam of Iaggernaik„ poeram te zenden om vertimmerting te werden. Dat die vaartuijgen daar komende, het gebeuren kon, dat bij het afneemen of Jaffana bespeerd wer„ van de buijten huijt en exacter visitatie, dan hier had kunnen geschieden, er ge„ breeken ontdekt wierden welke hier niet te vinden geweest waren, waar door zoodanig een vaartuijgen onkost„ baare reparatie zou kunnen noodig heb„ ben, zonder dat men het hier hadt kunnen weeten: Onder aanhaaling wijders, dat zoo men nu, volgens de opgemelde ordre aan te berst van bata„ eerst van alle Capitaale reparatien aan Hunne Hoog Edelheedens de Cal„ culatie ter approbatie aanbieden moet -. 3 Den 19: September 1780 het gevaar dat een soodanige kiel boven dien dog laapt Versoek om gelijk voor hier, de reperatien; aan vaartuij„ gen buijten voor affgaande Contant te moogen doen moet, eer men met de vertimmering zelfs mag laaten voortvaaren, het te vreesen is, dat de vaartuijgen zomtijds Zes, agten meer maanden lang, het sij op Iaffanapatnam of in de revier van Coringe zullen moeten blijven overleggen, sonder dat men er eenig nut van hebben kan En Dat het daaren boven ook te vree„ zen is, dat zij boven dien nog gevaar zullen loopen, om door de wolmen die uijt het zoete of brakke water te voorschijn komen, door knaagd en dus ten eenemaal onbruijkbaar gemaakt te worden, Terwijl vervolgens verstaan is, Hoog dezelve te versoeken, om zoo de voor„ schreeve reedenen, aan Hunne Hoog„ Edelheedens almeede zoo gewigtig voorkomen als zij den Raad doen, Haan 49 „ 767. Den 19: September 1780 E de abusive invulling van het geene tot een nieme tent Chialeng is bekostigd. Haar weeder gelijk bevoorens de vrijheid te verleenen om de noodige reparatien aan de alhier bescheijde vaartuijgen te moo„ gen laaten doen buijten voorafgaand Concent van Hoogdeselven, met ver„ seekering teffens dat men die vrijheid niet misbruijken, maar daaren tee„ zorge draagen zal gen de noodige dat daar voor geen onnoodige kosten worden opgebragt, dog soo dit onver„ hoopt egter eens weeder gebeuren mogt, dat men dan voor zoo ver het de opperhoofden der onderhoorige Fac„ torijen betreft, vrij scharper Carrec„ tien zal appliceeren als in het ge„ val van de sloepen de walvisch en 't zoo heeft Plaats gehadt. Door Hunne Hoog Edelheedens versoek om partem over vervolgens geremarqueerd zijnde, dat 49:
English
The 19th of September 1780. that in the letter of this Government of the 22nd of January 1780 the costs for the construction of a tent chialeng were entered erroneously, as ƒ903:17:8 was set down for it instead of ƒ780:18:8, which was what was actually expended for it: it is thus understood to request their High Mightinesses favorably to pardon this error, especially because it was caused by the amount of the new tent chialeng and the repairing of the old one having been drawn out into a single item in the Memorandum of the completed repairs, While subsequently, with humble thanks for the dispatch of the authorization for the purchase and construction of two new thonies for the service of Northern Chormandel, it is understood, to assure their High Mightinesses that one shall proceed herein conscientiously and to the greatest advantage of the Company. Their High Mightinesses having rightly remarked that the statement of this Government, as if eight vessels were allocated for this coast by the Memorandum of Retrenchment, was irreconcilable with the words appearing therein, considering that the same read thus: "Chormandel has enough with six vessels of 70 feet, and if the North has one or two thonies it can be managed with five," it is thus understood also to acknowledge this with respect in the outgoing letter, but at the same time to mention that what was set down in the answered Patriotic Extract of the 25th of September 1778, namely "that by the Memorandum of Retrenchment 7 or at most 8 vessels were allowed," was done under the assumption that everything which is granted by their High Mightinesses over and above the Memorandum of Retrenchment must be regarded as an addition to that document, and thus just like the Memorandum of Retrenchment itself. And furthermore respectfully to remark that it is trusted that, when their High Mightinesses please to view the aforesaid answer of the Council from that perspective, the same will no longer be found irreconcilable with the frequently mentioned Memorandum of Retrenchment, considering that their High Mightinesses, by their highly revered missive of the 30th of April, have had the goodness to grant to this government the retention of 8 vessels, the two thonies for the North included therein; But regarding their High Mightinesses' further remark, namely that it was difficult to understand on what basis this Council, in the aforesaid answered Patriotic Extract, could have stated that "on account of the resorting it was extremely necessary that one had here two extra vessels on hand above the specified eight," it is, after mature deliberation, understood to demonstrate with respect regarding this, that what was set down in § 204 was done not only to be able thereby to facilitate more and more the work of resorting, by the timely collection and conveyance hither of linen packs from the offices, but also under the assumption that the work of resorting was of the highest necessity in order to provide the Company with good linens, as well as thereby to prevent the return ships from being fully laden with trash. That, moreover, one is not only still of that opinion up to now, but also judges in all humility that the resorting of all the linens from the offices is, as far as this is possible, highly necessary, as only thereby the intended purpose can be achieved, but not where only a sample or pack of each variety is sent hither for resorting, even though, as was remarked by their High Mightinesses, it were true that the chiefs remained responsible for the quality and sorting of the cloths; because in sending hither a sample or pack of each variety of linens, this difficulty resides, that the chiefs can then send hither the best piece or a pack in which all the best pieces are packed away, according to which no judgment can be made regarding the assortment of the remaining packs, which may well be stuffed with bad pieces, as was demonstrated to this Council only recently upon the resorting of 27 packs of diverse romals, as only 26 packs of good linens were found among them. That, above all this, it makes a great difference to the interests of the Company whether her ships are laden with voluminous goods which in Europe yield 40 and more percent loss, or that there are transported to Europe with the same goods which yield a full 75 and 80 percent advance, considering that the Lords Directors are only accustomed to having the loss occurring thereon below the purchase cost compensated with a 50 percent advance, as this, when compared against 75 to 80 percent advance, still shows a loss of profit of 25 to 30 percent advance. And since this significant difference The 19th of September 1780.
Dutch transcription
Den 19: September 1780. bij in kooposfaanbanw van men na gemoede dte terk gaan „dat bij den brief delser Regeering van den 22: Januarij 1780: abusive ingevult was het bekostigde voor het maaken van een Tent Chialeng, gemerkt daar voor ƒ903:17:8: in steede van ƒ780:18:8: dat er weesentlijk voor uijtgegeven was, gesteld is: zoo is verstaan Hoog desel„ ven te versoeken, dit abuijs gunstig„ lijk te pardonneeren, vooral wijl het veroorsaakt is, door den bij de Memorie der gedaane reparatien in een post uijtgetrokken zijn het bedraagen van de nieuwe tent Chialeng en het reparee„ ven van de oude, ttwee nieuweshonijs zil Terwijl vervolgens onder needrige dankzegging voor de versende quali„ ficatie tot den inkoop en aanbouw van twee nieuwe Thonies ten dienste van Noorder Chormandel, verstaan is, 769. Den 19: September 17820 E Erkenning van de on„ Aanbaanheijd dergesegde deeser Regeering dat voor behaaddl waren is, Hoog deselven te verseekeren dat men hier in na gemoede en ten meesten voor„ deelen van de Compagnie sal te werk gaan Door Hunne Hoog Edelheedens te regt geremarqueerd zijnde dat de deese Cust en: vaartuijgen opgave deeser Regeering, als of bij de Memorie van Menagie agt vaar„ „tuijgen voor deese kust bepaald waaren, onbestaanbaar was met de woorden daar bij voorkomende, gemerkt deselven dusdanig luijden „ Chormandel heeft „genoeg aan zes vaartuijgen van 70:—. „voeten en soo de Noord een â twee Tho„ „niet heeft kan het met vijff,„ gesteld „worden zoo is verstaan, dit ook „bij den afgaanden brief met eerbied „te erkennen, dog daar bij teffens aan „te haalen, dat het ter nedergestel„ de Den 19: September 17810. Reeden waarom menthans vertroud dat gestelde dien„ aangaande niet meer den bevonden „de bij het beantwoord Patriasch Ex„ „tract van den 25: September 1778: „naamentlijk „ dat bij de Memorie „van Menagie toegestaan waren 7: of „op zijn hoogst en: vaartuijgen„ dit geschiedt. gelt was in die veronderstelling, dat al het geen, door Hunne Hoog Edelheedens boven de Memorie van Me„ nagie wordt toegestaan, als een aan„ pliatie op dat schriftuur, en dus even eens als de Memorie van Me„ nagie zelfs moest worden aange„ merkt En voorts reverentlijk van te mer„ onbestaan baar zal worken, dat men vertrouwd, wanneer Hunne Hoog Edelheedens het voor„ schreeve antwoord van den Raad, zijde gelieven te beschou„ van die wen E 7 771. Den 19: September 1780 trend het gestelde bij § zok: weegens de noodsaakelijk„ bepaalde 8: vaartuijgen wen, het zelve niet meer onbestaanbaar zal bevonden worden met de meergemelde Me„ morie van Menagie, gemerkt Hoogde Zel„ ven bij Haaren zeer gevenereerde mis„ sive van den 30: april, de goedheijd heb„ ben gehad van aan dit gouvernement, te accordeeren de aanhouding van 8: vaar„ tuijgen, de twee Thonies om de Noord daar ondergereekend; Maar betreffende Hoog derselven Bemarijun A: H: Cet: om„ verdere remarque, naamentlijk, dat het heijd van nog E: boren: de niet wel te begrijpen was, op wat voor„ „ fundament, deesen Raade, bij het voorzz: beantwoord Patriasch Extract hadt kunnen ter needer stellen, dat het van „weegen de hersortatie ten uijtersten „noodzaakelijk was dat men alhier „ twee Extra vaartuijgen boven de bepaal„ „de agt aan handen hadt„ is na rijfe Den 19: September 1780 Persisteering van den Raad bij het gevoelen dat de her„ sortatie der Lijwaaten hier ten haagsten noodig is—. „rijpe deliberatie, verstaan daar omtrend met eerbied te vertoonen, dat dit ter nederge„ stelde bij § 204 niet alleen geschied is om daar door het werk der hersortatie meer en meer te kunnen faciliteeren, door het lij„ dig afhaalen en en herwaards over bren„ gen lijwaatpakken van de Comptoiren, maar ook in veronderstelling dat het werk van de hersortatie van de hoogste noodzaakelijkheid was, om de Compag„ nie van goede Lijwaaten te voorsien, mitsgaders daar door voor te komen, dat de retourscheepen met geen prullen volladen wierden Dat men boven dien niet alleen tot van de Comptoiren ^ al, nog toe van dat gevoelen is, maar ook in alle nedrigheid oordeelt, dat het hersorteeren van alle de Lijwaaten voor zoo ver dit mogelijk is ten hoogsten noodsaakelijk zij, alsoo daar door al„ leen d. 773. Den 19: September 1780 E alleen aan het bedoelde oogmerk kan worden voldaan, dog niet waar slegts van ieder soort een monster of pak ter hersortatie na herwaards geson„ den wordt, schoon het, gelijk door Hunne Hoog Edelheedens is geremarqueerd, wel waar was, dat de opperhoofden voor de deugd en sorteering der doeken respon„ sabel bleven; uijt hoofde 'er in het her„ waards zenden van een monster of pak van ieder soort lijwaaten, dee„ se zwaarigheid resideerd, dat de op„ perhoofden dan het beste stuk of een pak maar in alle de beste stukken afgepakt zijn herwaards kunnen zenden, na het welk omtrend het sortement het overige pakken die wel met slegte stukken kunnen volge„ gestop weesen niet te oordeelen is, zoo als nog onlangs aan deesen Raade ge„ bleeken vervolg. - wat different het niet hersortatien door lijwaa„ ten voor de belangs den E: Comp:e daar en teegen uijtmaakt; versoek dierhalven om met hersorteeren te moo„ gen Continueeren. „bleeken was, bij hersortatie van 27. pak„ ken roemaals diverse, alsoo daar onder slegts 26: pakken goede Lijwaaten gevonden waaren, Dat boven dit alles het nog een groot different voor de belangens van de Com„ pagnie uijtmaaken of haare scheepen worden belaaden met volumineuse goe„ deren die in Europa 40: -. en meer percent verlies komen te geeven, dan dat met deselven na Europa worden overgebragt goederen die ruijm 75:-. en 80: - percent avans afwerpen, gemerkt de Heeren Majores maar gewoon zijn het daar op vallend verlies beneden het inkoops kostende met 50: percent arans te laa„ ten vergoeden, alsoo dit bij vergelij„ king teegens 75: â 80: percent arans, nog een winst derving van 25: â 30: percent arans aantoond En nadien dit een aanmerkelijk Den 19: September 1780 verschil 7
English
775. The 19th of September 1780 To request Their High Excellencies that, instead of the present barks, three chaloups of 70 to 75 feet may be sent. difference noted to the disadvantage, it has been resolved, out of consideration of the Company's true interest, likewise to implore Their High Excellencies with all respect not only to allow the continuation of the resorted sorting already introduced with such good success, but also to request that they facilitate the aforesaid resorted sorting by the addition of another vessel, with the assurance that the greater expenses of this single vessel will be amply recouped through the improved quality of the cloths. Decision to request of Their High Excellencies However, since the costs that must be incurred here annually for the maintenance of the sloops continuation sloops and smaller vessels are excessive, and would become even heavier by the addition of a vessel, it was approved and resolved upon the proposition of the Governor, in order to relieve the burden wherein usually the barks the Liefde and the Eendragt participate the most, without the required benefit being drawn here from those small keels in proportion to their expenses, to request Their High Excellencies with all respect to be permitted to send the aforesaid barks back to India's Capital, in order to receive from there in return 3 sloops of 70 to 75 feet in length, as thereby the desired addition of one vessel would be procured, with- The 19th of September 1780 -out 777. The 19th of September 1780 What has been resolved to answer to Their High Excellencies' remarks on the advice of this government regarding the loading of two ships annually given. -out the annual expenses of the same running any higher than at present. Remarks having been made by Their High Excellencies on the advice of this Government given by dispatch of the 22nd of January 1780 upon the twofold question of the Gentlemen Majores with regard to the loading here of two ships annually, appearing in Their High's direct letters of the 9th of October 1778, it has been resolved to answer thereto with respect that one presented to Their High Excellencies the very same difficulties that were presented to Their High Excellencies upon a similar question in the previous year, and that this Council therefore trusts that one has rendered that matter sufficiently impracticable; Under what condition the proposition to dispatch two ships once every two years occurred, And what is sustained concerning that, Thanks for the sent 15000 lb of nutmegs. The 19th of September 1780. that, regarding the dispatching of two fully laden ships once every two years, one proposed that under this condition, that the demands had to be doubled and the critical circumstances in which we found ourselves on this coast would cease. And that one consequently sustains, with submission to Their High's better judgment, that no fixed determination or promise lies enclosed in that proposition, and it is thus left entirely to the Gentlemen Majores to make a trial of it or not. Furthermore, it was resolved to thank Their High 779. The 19th of September 1780 What has been resolved to answer concerning the acceptance of Madraspatnam three-figure pagodas for the linens of the Netherlands. Excellencies most respectfully for the 15000 lb of nutmegs sent hither with the ship Hoorn, and further to order the Equipage Master Hartman to have the 60000 lb of river stones, which served as ballast or bottom weight in the aforementioned vessel, unladen from it in order to be kept ashore, so that use may be made of them when the occasion arises. Meanwhile, upon the instruction of Their High Excellencies, it was approved and resolved to answer by the outgoing letter that, although one recorded when answering the Extract from the Fatherland The fulfillment of a separate small demand of 30 bales of table guinees at 5 1/2 rixdollars the piece is assigned to that voyage. that the acceptance of Madraspatnam star pagodas into the Company's treasury here on bills of exchange to the Netherlands would run less risk of loss than the other sorts of pagodas, one will nevertheless not proceed to the acceptance without special authorization from the Gentlemen Masters; And proceeding herewith to the main part of the purchase, it was resolved to note hereby that, in compliance with the honored instruction of Their High Excellencies, one has already assigned to Jagggernaikpoeram, by a separate small demand for Batavia, the fulfillment of 30 bales of table guinees of such a sort as were delivered by the present Chief of Sadraspatnam 781. The 19th of September 1780 What was resolved to answer regarding the detention here for 9 months of the worm-eaten Bimlipatnam linen bales. Mr. Jacob Pieter de Neys in fulfillment of an extra demand for the year 1778, further notifying the Government's confidence that the aforesaid cloths will be delivered at the proper time for the stipulated price of 5 1/2 rixdollars the piece. Remarks having been made by Their High Excellencies regarding the detention here of the Bimlipatnam linens gnawed by worms during the period of 9 months, it was resolved to answer reverently hereupon that one is very willing to acknowledge that the long detention of those linens here
Dutch transcription
775. Den 19. September 1780 Ed: te versoeken dat in„ steede van de luijdende barken drie Chialange van 70: â 75: voeten geson„ den moogen werden. verschil ten nadeelen genoteerd, zoo is uijt aanmerking van Compagnies waar belang, teffens verstaan bij wan„ ne Hoog Edelheedens niet alleen met eerbied te imploreeren, om bij de be„ reeds met zulks een goed Succes gin„ troduceerde hersortatie te moogen blijven Continueeren, maar ook te versoeken om de voorsz: hersorta„ tie door vermeerdering van nog een vaartuijg te willen faciliteeren, on„ der verseekering teffens dat de meer„ dere ongelden van dit eene vaar„ tuijgen ruijm zullen worden uijt„ gewonnen door de verbeterde deugd der doeken Edog, wijl de kosten welke men Besluijtom van H: H: hier Iaarlijks tot onderhoud der sloepen vervolg sloepen en mindere vaartuijgen doen moet excessief zijn, en nog door het ver„ meerderen van een vaartuijg Zwaar„ der zouden worden, is tot faciliteering van den lastpost, waarin doorgaans de barken de Liefde en de Eendtragt het meeste Particupeeren, zonder dat men hier van die kieltjes, naar maa„ te van haare ongelden het vereijschte nut trekt, op de Propositie van den Heer Gouverneur goedgevonden en ver„ staan Hunne Hoog Edelheedens met alle eerbied te versoeken, de voorsz: barken na Indias Hoofd-plaatsche, te rug te moogen souden, ten eijnde wederom van daar te moogen ont„ vangen, 3: sloepen van 70: â 75: voeten lengte, nadien daar door teffens de gewenste vermeerdering van eene vaar„ tuijg zou worden geprocureerd, zon„ Den 19: September 1710 der 777. Den 19: September 1770 wat verstaan is te ant„ woorden op H: Hb: Ed: re„ marques over het advies deeser regeering tot het be„ laaden van twee schee„ der dat de Iaarlijksche ongelden van de„ selven hooger als nu zouden op stok loopen Door Hunne Hoog Edelheedens ve„ marque gemaakt zijnde, over het advies deeser Regeering bij missive van ten Iaarlijks gegeeven, den 22=en Januarij 1780: gegeven op de twee„ leedige verag der Heeren Majores met vraag op zigt tot het belaaden alhier van twee scheepen Iaarlijks, voorkomende bij Hoog derselver directe letteren van den 9. october 1778: zoo is verstaan daar op met eerbied te antwoorden, dat men aan Hoog deselven voorgedraagen heeft de eijge zwaarigheeden, die men in a:o vorc: op een diergelijke vraag aan Hunne Hoog Edelheedens hadden voorgesteld, en dat deesen Raade, dus vertrouwt dat men die saak genoegsaam onuijt voerlijk onder welke voorwaarde de propositie, om alle twee Jaar„ ren eens twee scheepen af„ En wat men dierhalven daar van sustinderd, dank voor de gesondene 15600. lb Nooter muschaaten—. Den 19: September 1780 —. „onuijtvoerlijk gesteld heeft: Dat wat het afzenden van twee te zenden geschied e vollaaden scheepen om de twee Jaar ven, aangaat, men dat geproponeerd heeft onder deeze voorwaards dat de eijsschen moesten verdubbelt wor„ den en de Critique omstandigheeden waar in wij ten deeser kuste verseerden, Cessee„ ren En dat men dienvolgende met onder„ werping aan Hoog derselver beeter gevoelen, sustineerd, dat in die pro„ positie geen vaste bepaaling of ba„ loften legt opgeslooten, en het dus in het geheel aan de heeren Majoros verbleeven is, om daar van een proff te neemen of niet, Wijders is verstaan, Hunne Hoog„ Edelheedens 779 Den 19: September 1780 woorden omtrend het ac„ „Centeeren van madraspat„ nam 3: beeldige Pagooden op de lijwaaten van Ne„ derland, Edelheedens zeer eerbiedig te bedanken voor de met het schip Hoorn her„ waards gesonden 15000: lb: Nooten mus„ Schaaten, En voorts den Equipagie meester Hartman te gelasten om de 60000: lb: rivier steenen die tot ballast of onder zwaarde in den opgemelden boodem gedient hebben, daar uijt te doen ligten om aan de wal ƒ„ bewaart te kunnen worden, ten eijn„ de er bij voorkomende geleegendheijd ge„ bruijk van te kunnen maaken, Ondertusschen is op het aanschrij„ wat verstaan is te ant„ ven van Hunne Hoog Edelheedens, goedgevonden en verstaan bij den af„ „ gaanden brief te antwoorden, dat schoon men bij het beantwoord Pa„ triasch Extract heeft ter needer„ gesteld 5 Den 19: September 1780 de voldoeningen van Een appart bij sochje van 30: pak„ ken tafel guin=t teg:s 5. ½ rd:s het p„l is aan die reijs op„ gedraagen. „gesteld dat de depectatie van Madras„ patnamsche ster Pagooden in Compag„ nies geld kassa alhier op assignatie na Nederland minder rosico van na„ deel Loopen zou, als de overige soorten van pagooden, men egter tot de accep„ tatie niet zal overgaan buijten spe„ ciale qualificatie van de Heeren Mees„ ters; En hiermeede overgaande tot het Hoofddeel van den Inkoop, is ver„ staan bij deesen te noteeren dat men, in voldoening aan het g'eerd aanschrijven van Hunne Hoog= Edelheedens, bereeds bij een apart Eijschje voor Batavia, Iagger„ naikpoeram opgedraagen heeft de voldoening van 30: pakken Tafel guinees van zoodanig een Soortals door het presente opperhoofd van Sa„ draspatnam 781 Den 19: September 1780 woorden weeg: de aanhou„ „ding alhier f: maanden lang die door de wormtjes door„ knaagd Bimilipat„ nem lijwaaten pakken, draspatnam M:r Iacob Pieter de Neijs in voldoening van een Ex„ tra Eijsch voor anno 1778. geleeverd zijn, onder te kennen geeving wijders van het vertrouwen der Regeering dat de voorsz: doeken ter behoorelijker tijd zullen geleeverd worden voor den bepaalden prijs van 5:½. Rd:s het Vier Voor Hunne Hoog Edelheedens wat besloten is te antg remarque gemaakt zijnde over het aanhouden alhier, der van de wormt„ jes door knagel. Bimili patnamsch Lijwaaten geduurende den tijd van 9: maanden: zoo is verstaan hier op reverentelijk te antwoorden, dat men seer gaarne anoweeren wil, dat de lange aanhouding alhier van die Lijwaaten
English
19 September 1780 To request Their High Excellencies that the considerations regarding the breaking up of Porto Novo may remain superseded for the time being. Linens, the same must have caused a considerable reduction in value; but that, because one had no other recourse at the time than to choose the lesser of two evils, it was judged that the ordinary time of sale would be much more advantageous than if those linens were disposed of out of season, when no buyers are to be found here; further stating that one trusts Their High Excellencies will also gladly agree to this. Regarding the breaking up of Porto Novo, Their High Excellencies having requested this government to provide its considerations on this matter at the first opportunity, it is resolved to request Their High Excellencies to be allowed to suspend action on this until one can see from the accounts drawn up with the merchants by the Second of Sadras, Jacob Simons (who is still at Porto Novo), how much loss the Company has suffered through the invasion of Haider's robber bands, and what the merchants will then be in arrears. Writing off the loss incurred on the sale of 84 pieces of Bimilipatnam linens. Collection this year worse; that of the past year will turn out to be so. And it is meanwhile resolved to humbly thank Their High Excellencies for the amount of f178:17:-, so favorably passed for write-off, being the loss incurred here in the public sale of 84 pieces of Bimilipatnam linens, which had become wet due to stormy weather in the sloop 't Loo. Expressing further that this year's collection will turn out worse than that of the past year. Their High Excellencies having remarked with great justice that 19 September 1780 Because of the interest involved in the procurement of linens, an explanation was demanded from Jaggi for the defective fulfillment of the demands. there was not much to praise about the past collection of the year 1779: it is resolved, with respect to the collection of this year, to express beforehand the fear of this Government that it will in general turn out even worse, but at the same time, subject to Their High Excellencies' favorable interpretation, to postpone the further treatment of this item until the usual general report, on the grounds that one will then, or when one has received the papers of the past collection, be able to speak of it much more fundamentally than at present. Their High Excellencies having furthermore demonstrated with very many reasons how very much it is the duty of this Government to take precautions against negligent practices, especially in the matter of the linen procurement, 19 September 1780 The chiefs there have accounted for themselves to the satisfaction of the Council. as being of the utmost importance to the Company on this coast: it is resolved to reply respectfully to this that the knowledge this Council has of that importance has by no means caused it to omit demanding, by letters of 24 February 1780, from the chiefs of Jaggernaikpoeram and Palicol a further account of the defective fulfillment of the demands, adding a serious reproach to those of Jaggernaikpoeram for not offering the slightest reason in that regard. And since the aforementioned chiefs have accounted for themselves in this matter by letters of the 20th and 25th of April last, it is resolved to make detailed mention thereof in the outgoing letter to Their High Excellencies, Thanks for the approved purchase of 17 pieces of swalpen. Resolution to make no further contract for fine cotton yarn until further orders from the masters. noting that according to the resolution of the Coromandel Council of 22 July last, satisfaction has been taken with their explanations, and it is also hoped that they may satisfy Their High Excellencies. While in the meantime it is also resolved to thank Their High Excellencies very humbly for the approved purchase of 17 pieces of Swalpen for 6 pagodas apiece, for the manufacture of gun carriages. Their High Excellencies having subsequently communicated that the Gentlemen Directors of the Amsterdam Chamber had informed Them that the fine cotton yarn collected on this coast 19 September 1780 Continued. had by far failed to reach the purchase price, and that the drawings of the chintzes had not met expectations, and would thus be sent back on a subsequent occasion: it is resolved concerning the former to make no further contracting thereof until further orders thereto have been received from the Gentlemen Majores; and concerning the latter, to note in the outgoing letter that no other requested chintzes will be ordered to be made than after the samples received in the past year and previously already approved, and this until such time as new drawings of chintzes are received from Their High Excellencies.
Dutch transcription
Den 19: September 1780 te doene versoek aan H: H: Ed: dat de Considera„ kien weegens de opbraake van Portonovo, moogen Een tot hoelangen Lijwaaten, deselven merkelijk in waarden moet hebben doen verminderen; dog dat, wijl men toen daarmeede geen anderen uijtweg hadt, als om van twee kwaaden het best te kiesen, men geoordeelt heeft den ordinairen tijd van verkooping vrij voordeeliger te zullen zijn, dan wanneer die lijwaa„ ten buijtens tijds als hier geen kopers te vinden zijn, van de hand geset wier„ den; onder aanhaaling verder dat men vertrouwt dat Hunne Hoog= Edelheedens dit ook gaarne zul„ len gelieven toe te stemmen — Wegens de opbraake van Portonoro, geseparcedeert blijven door Hunne Hoog Edelheedens aange„ zijnde, om dierweegens, bij de schreeven eerste geleegentheid aan Hoog deselven te suppediteeren de consideratien dee„ zer Regeering zoo is verstaan Hoog de„ selven te versoeken, om daarmeede zoo Lang E 50: 783 Den 19: September 17820 afschrijving van het verlies bij verkoop van 84: stuk„ ken bimilip=ms lijwaa„ ten gevallen insaam deesen Jaare slegter die van a:o Pj:o zal uijtvol„ len; Lang te mogen supercedeuren, tot dat men uijt de reekeningen door den Secunde van Sadras Iacob Simons:) welke zig nog op Portonovo bevind:) met de kooplieden geformeerd, sal hebben, gesien hoe veel nadeel de Compagnie, bij de invasie van Haidersroof benden sal geleden hebben, en wat dan de kooplie„ den zullen ten agteren staan En is inmiddens verstaan Hunne Hoog daak voor de gepermitteerde, Edelheedens needrig te bedanken voor het zoo gunstig ter afschrijving gepas„ seerd bedraagen van ƒ178:17:-., of het ge„ vallen verlies alhier bij publicque verkoop van 84:–. stuk ken Bimilipatnamsche Lijwaaten, welke door onstuijmig weer in de sloep 't Loo nat geraakt wa„ ven oor Hunne Hoog Edelheedens met te betujgen voers dat din„ zeer veel regt Geremarqueerd zijnde als die van d0: slegter als dat Den 19: September 1780 om het belang dat in de Eij„ waaten procure opgeslooten legd, heeft min van Jagg: de gebrekkige voldoening der Eijsschen gevordert dat er op den afgeloopen inzaam van ao 1719 niet veel te roemen voel: zoo is met - : op zigt tot den insaam van dit Iaar, wel vooraf verstaan de vreese der . . . Regeering te betuijgen dat die over het algemeen nog slegter zal uijtvablen, dog teffens onder gunstige welduijding van Hoog dezelven, het verder behande„ len van deesen post uijt te stellen tot het gewoon generaal verslag, uijt hoofde men daarvan als dan, of wanneer men de papieren van den afgeloopen inzaam zal ontvangen hebben, vrij fin„ damenteeler zal kunnen spreeken als tegenswoordig Door Hunne Hoog Edelheedens wijders en Palicol reedenen van met zeer veel reedenen aangetoond, zijn„ de hoe zeer het den pligt deeser Regee„ ring is, teegens onagtzaame behandelingen te voorsien, vooral in het stuk der Eij„ waat-pakken N 785. Den 19: September 1780 ben hun desweegens verant„ .woord ten genoegen van den waat-procuure, als van het uijtterste belang voor de Maatschappij ter deeser kuste zijnde zoo is verstaan hier op met eerbiet te rescribeeren, dat de ken„ nis die deesen Raad van dat belang heeft, haar ook geensints heeft doen ommitteeren, om bij brieven van den 24: Februarij 1780: van de Iaggernaik„ poeramsche en Palicolsche opperhoofden af te vorderen een nadere verantwoor„ ding over de gebrekkige voldoening der Eijsschen, onder bijvoeging van een erns„ tige reproche aan die van Iaggernaik„ poeram, over het niet suppediteeren van de minste reeden ten dien opsigte En nadien de voorsz: opperhoofden De opterhoofden aldaar hul„ zig, dier weegens verantwoord hebben bij raaden brieven van den 20: en 25: april Jongst„ leeden, soo is verstaan bij den afgaan„ den brief aan Hunne Hoog Edelhee„ dens - Dank voorde Ccpasseerden in koop van 1p: swalpen, Besluijt om geen aan hetteen ding van fijn Cattoen gaven meer te doen tot nadere last der heeren meesters, dens daar van in het breede mentie te maaken, onder aanhaaling dat men volgens Cormandels Graads besluijt van den 22=e Julij J=o leeden, met het me verantwoordingen genoegen genoo„ men heeft, en ook hooft dat ze hun„ ne Hoog Edelheedens voldoen moogen, Terwijl ondertusschen, almeede ver„ staan is, Hunne Hoog Edelheeden seer nedrig te bedanken voor den gepas„ seerden inkoop van 17: p:s Swalpen voor 6: pag: het stuk, tot het aanmaken van laade- houten— Door Hunne Hoog Edelheedens vervolgens bedeeld zijnde, dat Wun„ ven Bewindhebberen ter kamer Am„ sterdam, aan Hoog deselven had„ den bedeeld, dat het fijn kattoen gaaren ter deeser kuste ingesameld Den 19: September 1780 op 787. Den 19: September 1780 vervolgt op verre na de inkoops-prijs niet hadt kunnen haalen, en dat de aftreke„ ningen van de Chitsen, aan de ver„ wagting niet voldaan hadden, en dus bij een volgende geleegendheijd zou„ den verzonden worden: soo is om„ trend het eerste verstaan, daar van geen aanbesteeding meer te doen voor dat men daar toe naderen last van de Heeren Majores zal ontvangen hebben, en omtrend het laaste bij den afgaanden brief te noteeren, dat men van de gevraagde Chitsen geen andere zal laaten aanmaa„ ken als na de in anno passato ontvangen en bevoorens reeds goed„ gekeurde monsters en sulks tot tijd en wijlen men nieuwe teekenin„ gen van Chitsen van Hoogdesel„ ven
English
The 19th of September 1780 Thanks for the approved sale of sugar, camphor, and arrack brought here last year. This year no merchant has appeared for the sugar and camphor. Although the powder and candy sugar, likewise the camphor and the arrack brought here from Batavia last year with the ships Pallas and Hof d'Oudewoude could only be disposed of with an advance of 50¼ percent on the powder, 34½ percent on the candy sugar, 90 3/8 percent on the camphor, and 31¼ percent on the arrack, the aforementioned sale having nonetheless been favorably approved by Their High Excellencies, it is agreed to thank Them humbly for this. And at the same time, while making it known that for the sugar and camphor brought here this year with the ships Triton and Hoorn, no merchant has presented himself thus far, to give Their High Excellencies most respectful notice of the sale of the arrack, pursuant to the resolution of the 15th of this month, to the Dispenser Geeke for 28 New Nagapatnam pagodas per leaguer, or the price of last year, further noting that the aforementioned beverage was sold somewhat more expensively than what the ship officers and other private individuals of this year had to sell their arrack for. Noted that the consumption, especially of spices and Japanese copper, succeeded somewhat better in 1779/1780 than in the year 1778/1779. Regarding the consumption of trade goods, especially of spices and Japanese bar copper, it having been noted by Their High Excellencies that it had turned out rather poorly in the year 1778/1779, it is agreed with regard to the recently concluded trading year 1779/1780 not only to note hereby that the consumption on this coast in spices and Japanese bar copper succeeded somewhat better than in the previous year, but also to mention this in the outgoing letter to Their High Excellencies, while submitting the gross return of the sold merchandise, adding that the reasons for how this occurred will be discussed in more detail when delivering the upcoming General Report. The 19th of September 1780 That it is agreed regarding the requested considerations on the project of the Bimilipatnam chiefs for the expansion of trade to note: Subsequently, Their High Excellencies having requested from this Council their further considerations on the project of the Bimilipatnam chiefs for the expansion of trade there, in order to dutifully comply therewith, after mature deliberation, it has been resolved and agreed to note most respectfully: That since the project of the Bimilipatnam chiefs for the expansion of trade is principally founded on increasing the demands for fine bleached and old sort Guinees, and consequently also on a larger supply of Japanese bar copper and spices, this Council, subject to better judgment, is of the opinion that in the present critical times it is impracticable, and that principally for the following reasons. Two principal reasons why that project is at present impracticable. Firstly, because an increase in the demand for fine and old sort Guinees must be absolutely detrimental to the interests of the Company, on account of the large stock of linens of the latter sort still in Batavia. And secondly, because it is maintained that in these dangerous times it would not at all be advisable to make a factory that lies so out of the way, and is devoid of all drafts and its own defense, into a principal trading post, at the risk of the Company's precious merchandise, especially where one is still uncertain how the Princes are disposed toward the Company's trade. The 19th of September 1780 And what this Government is therefore of opinion regarding this. Adding further that one is consequently of the opinion that this project, with the approval of Their High Excellencies, ought to be rejected as impracticable. Thanks for the permitted write-off of the remittance of 116 pagodas 18 fanams. And having herewith proceeded to the principal section of the Domains, it was in the first place agreed to thank Their High Excellencies very humbly for the permitted write-off of the remittance granted here of 116 pagodas 18 fanams to the renter of the bazaar for the year 1777/1778. The decision regarding the saline lands ceded in 1769 and 1770 to a general renter is left to this government. The oversight regarding the renter of the collective revenues of the Company's villages here, Draatje Wenkateesja Chittij, whose lease expired at the end of May of this year, having been left by Their High Excellencies to the local knowledge and experience of this Government, to dispose regarding the saline lands ceded to him in perpetual lease in the years 1769 and 1770, for the best of the Company and the inhabitants, for now and in the future, provided that equity is observed in all respects to prevent unpleasant consequences: it is, in answer to this item in the outgoing letter to the High Government, to give a detailed report of the leasing of the collective revenues in the Company's villages for the period of 5 consecutive
Dutch transcription
Den 19: September 1780 Dantk voor de goaffrobeere de verkoop van zuijker kam„ pher en arak in verleede Iaar alhier aangebragt, Deesen Jaare heeft sig geen Coopman voor de zuij„ ker en kamphur opgedaan ven zal ontvangen hebben Hoewel de poeder en kandij-Zuijker, item de kamfer en de arrak in anno passato met de scheepen de Pallas en de Holwoltemade van Batavia alhier aangebragt niet van de hand hebben kunnen worden geset, als met een avans van 50:¼. percent op de poeder „ „ kandij zuijker 34:½: „ 90: 3/8: percentopce kamfen, en 31:¼ „ „ „ arrak, den voorsz: verkoop egter door Hunne Hoog= Edelheedens gunstiglijk geapprobeerd zijnde, zoo is verstaan Hoog desel„ ven daarvoor nedrig te bedanken. En teffens, onder bekend stelling, dat voor de zuijker en kamfer, in dit Iaar met de scheepen de Triton en Hoorn alhier aangebragt, zig en 789. Den 19: September 17110 speciaal van specerijen en Iapans kooper in 17 7/10. iets beeter geslaagdes dan in a:o 17f77 zig tot nog toe geen koopman heeft opgedaan, Hunne Hoog Edelheedens allereerbiedigste kennis te geeven van den verkoop der arrak, vol„ gens besluijt van den 15: deeser, aan den Dispencier Geeke voor 28: Nieuwe Nagapatnamse pagooden de legger, of den prijs van anno passato, on„ der aanteekening verder, dat de voor„ schreeven drank nog iets duuren verkogt is, als waar voor de scheeps „overheeden en andere particulieren van dit Iaar, hunne arrak heb„ ben moeten verkoopen Nopens den vertier van handel„ Netorng dat den vnthien„ whaaren, speciaal van specerijen en Iapansch staafkoper, door Hunne Hoog Edelheedens aangemerkt zijnde, dat die in anno 1773/9: vrij slegt Den 19: September 1780 Dat verstaan is nop:s de gevorder„ de Consideratien, over het present bimilipatnam op„ per hoofden tot opluijking van den handel te noteeren, slegt was uijtgevallen zoo is ten aansien van het Iongst afgelopen Aandeljaar 173/80: niet alleen ver„ staan bij deesen te noteeren, dat den verthier ter deeser kuste in spe„ Cerijen en Iapansch Staaf-kooper 67 iets beeter geslaagt is als in anno voorgangen, maar hier van ook onder aanbieding van ook, onder aanbieding van het ruw rendement der verkogte koopmanschappen, bij den afgaanden brief aan Hunne Hoog„ Edelheedens gewag te maaken, on„ der bijvoeging dat men van de reede„ nen, waar door dit gebeurt is, breed„ voeriger spreeken zal bij het doen van het aanstaande Generaal ver„ slag Vervolgens door Hunne Hoog Edelheedens E d. 791 Den 19: September 1780 vervlg Edelheedens van deezen Raade gevordert zijnde, derselver nadere Consideratien over het Project der Bimilipatnamse opperhoof„ den tot vermeerdering van den handel aldaar zoo is om daaraan schuldpligtig te vol„ doen, na rijpe Deliberatie goedgevonden en verstaan, eerbiedigst te noteeren; Dat dewijl het project der Bimili„ G patnamsche opperhoofden tot vermeer„ dering van den handel principaal ge„ fundeerd is op het vermeerderen der Eijsschen van guinees fijn gebleekt en oude soort, en gevolglijk ook op een grootere voldoening van Iapansch staafkooper en Specerijen, deezen Raade, met onderwerping aan bee„ ter oordeel, van gevoelen, is, dat het in den presenten Criticquen tijd onuijtvoerlijk zij, en zulks wel principaal. - Twee principaale Beeden en waarom dat project thans onuijtvoerlijk is. principaal om de volgende reedenen. Eerstelijk om dat een vermeerdering van den Eijsch van guinees fijnen oude soort, absolut schaadelijk weezen moet voor de belangen vande Compag„ nie, om den grooten voorraad van Lijwaaten, dier van het Laaste Coort nog op Batavia is. — En ten Tweeden om dat men sustineerd, dat het in deeze dangerense tijds ge„ steldheid gans niet raadzaam zou„ weesen, een factorij die zoo ver van Schten de hand legt, en van alle assignatie en eijge defensie ontblood is, tot een voornaame handelplaats te maaken, met hasard van Comp„s Pretieuse koop„ manschappen voor al daar men nog Den 19: September 1780 onzekere 793. Den 19e September Ao. 1730 E En wat deese Regeering dierhalven desweegen van gevoelen is—. teerde affschrijving van / het remies / aan een pag„ generaalen pagter in 1769: „ 78: af ge„ 1 staane brakke gronden is aan dee„ zamentlijk begering gelaatin onzekere is, hoedanig de Princen gein„ ƒ tentioneerd zijn omtrend Comp„s Coopbaaden. Onder bijvoeging verder, dat men dienvolgende van gevoelen is, dat dit Project met goedvinding van Hunne Hoog Edelheedens, als onuijtvoerlijk diend van de hand geweesen te worden—. En hiermeede gevordert zijnde tot het Dank vonde geprmit„ Hoofddeel der Domijnen, zoo is in ten ret : p: 16: 18:— den eerste plaatsche verstaan Htun„ ne Hoog Edelheedens Zeer nedrig te bedanken, voor de gepermitteerde afschrijving van het alhier verleend Remios van P r:o 116: 16: —. aan den Pag„ ter van de Pazaar voor a:o 177 7/8. —. Het opzigt tot den Pagter der ge„ De bisteteijntende aende E Den 19: September Ao 1700 vervolg Zamentlijke Revenuen van Compagnies Dorpen alhier „ Draatje wenkateesja f tijdt Chittij, wiens pagtelijk met ult„o Maij deeses Iaars, is geexpireerd, door Hunne Hoog Edelheedens aan de locahe kennis en ondervinding deezen Regoe„ ving overgelaaten zijnde, om nopens de aan hem in anno 1769: en 1770: in eeuwige pagt afgestaane brakke gron„ den, ten beste van de Compagnie en ingezeetenen, voor nu en in het ver„ volg te beschikken, mits de billik„ heid in alleen opzigte worde betragt, „ tot voorkoming van onaangenaa„ me gevolgen: zoo is, ter beantwoor„ ding van deese post bij den afgaanden brieff aan de Hooge Regeering in het breede verslag te doen van het vepag„ ten van de gezamentlijke Revenuen in 'sComp„s dorpen voor den tijd van 5: agter 5
English
795 The 19th of September 1780 previous and following years, and the relinquishing of the brackish lands to the farmers according to the resolutions of this Council of the 25th and 31st of May of this year, to which it is also understood to refer by this, with respect to all that further relates to it. Regarding the arrears of the merchants, it being remarked by Their High Noble Excellencies that the Porto Novo merchants among them still figured with a considerable sum of f 19,211:–, of which according to the advices from here nothing could be collected, it was resolved to reply thereto: that although this Council in its letter of the 22nd of January last was unable to report anything favorable concerning the settling of the Porto Novo arrears, it now has even far less reason to do so, because it is all too probable that those merchants have suffered quite some losses during the invasion of the troops of Haidar Ali Khan, further pointing out that on that account one reasonably fears that they will now be even less able than before to pay their debts. Since the chiefs of Palicol in their letter of the 20th of February promised to make every possible effort to settle the old debt of Cannamoerie Chittaija, it is, in accordance with the respected instruction of Their High Noble Excellencies, resolved that as soon as they fulfill this, 797 The 19th of September 1780 to remove the said merchant immediately from the trade, as he deserves no better. Under the article of financial affairs, Their High Noble Excellencies having expressed satisfaction with the assistance in cash to a considerable sum of f 270,000: Dutch, which was offered from here to Tuticorin in the past year, it was resolved to express the joy of the Government thereat. However, further in continuation of this article, to provide Their High Noble Excellencies with a detailed account of the resolution of this Council of the 26th of August last, wherein, for reasons detailed at length therein, one was obliged to excuse oneself from complying with the request of the Ceylon Ministers to assist Tuticorin once again from here with 300,000 florins in bullion gold or pagodas. The bullion silver, according to what was advised by Their High Noble Excellencies, sent for the service of this Government with the ship the Maria Jacoba to Ceylon, consisting of 1,920 mats amounting in money to f 49,794:12:–, having recently been received here, it was resolved to mention this in the departing letter with thanks for sending it. 799 The 19th of September 1780 Likewise, it was resolved to thank Their High Noble Excellencies humbly for the favorable authorization granted to this Council to proceed, if necessary, to the negotiation of cash at an interest of 6 percent; but at the same time to note that no use will be made of this except in the utmost necessity. While further, regarding the statement of Their High Noble Excellencies that they could not see otherwise than that the recently sent mint returns were now drawn up according to the intention of the Lords Principals, it was resolved to answer that all possible attention is given here to arrange the aforesaid returns according to the intention of the Lords Superiors, and that one therefore hopes that those which were recently sent, and those which one will have the honor to send henceforth, may always satisfy Their High Noble High Mightinesses as well as Their High Noble Excellencies. Next, under the main section of the Fortifications, it was immediately resolved to thank Their High Noble Excellencies with respect for the favorable approval of the expenses incurred here for placing chevaux-de-frise in order thereby to close off the open passage 801 The 19th of September 1780 passage between the point Hollandia and the sea, further pointing out that those machines have now become of the utmost necessity, as the rumor of the retreat of Haidar's robber bands not only begins to increase more and more, but it is also said that this town, along with one or two places around here, will then be the first to receive a visit, because without them, his cavalry would have an open passage right into this town, which has now been made somewhat difficult by the planting of the aforesaid chevaux-de-frise. Likewise
Dutch transcription
795 Den 19. September 1730 ren op H: A: Ed: remarque noo„ kons, dat van de debet zijn da was. agter en volgende Iaaren, en het afstaan van de brakke gronden aan de Pagters volgens de besluijten deeser Tafel van den 25: en 31: Maij deezes Iaars, waar„ aan almeede verstaan is zig bij dee„ zen te refereeren, met op zigt tot al het geen daar toe verder eenige Rila„ lutie heeft Omtrend de agterstallen der koop „ wat vinstantis ten spile „lieden, door Hunne Hoog Edelhee„ port: Cooplieden niet te haalen zijnde, dat de Zor„ dens geremarqueerd tonovosche kooplieden daar ondernog bril„ beerden met een aansienlijk Som van ƒig 2l 1: - waar van volgens de advisen van hier niets te haalen wat zoo is verstaan, daar op te rescribeeren; dat schoon dee„ zen Raade bij haaren brief van den 22: Ianuarij Iongstleeden niets fa„ vorabels heeft kunnen melden van het Soodra den Palicols Copan Cannemoerie Chittaija sijn schuld verevend heeft, zal men hem uijt den het verevenen der Portonovosche agter„ stallen, zij daar toe nu nog veel minder reeden heeft, uijt hoofde het maar alte waarschijnlijk is, dat die Marchiandeurs bij de inrasie der Trou„ wat pes van Haider alichan al vrij met Pe nadeel zullen geleeden hebben, onder ver„ tooning wijders, dat men daaromtrend met reeden weest dat zij nu nog min„ den als van te vooren in staat zullen werzen, om hunne schulden te be„ taalen Dewijl de Palicolsche opperhoofden bij handel stellen e hunnen brieff van den 20:e februarij bee„ loofd hebben, alle mogelijke devoi„ ven aantewengen, om de oude scheeld van Cannamoerie Chittaija te verevenen, „ zoo is volgens het g'eerd aanschrij„ ven van Hunne Hoog Edelheedens verstaan, zoo dra zij daar aan Den 19e September 1780 voldoen . - 797. Den 19: September 1780 geschipt gewoegen in de assistentie die men tituco„ bragt men deesen Iaare aan het Edel versoek van Ceijlon om titucorijn met 300000: g:s te adsisteeren niet heeft voldoen, den gemelden koopman in me„ diaat uijt den handel te stellen, wijl hij niet beeter meriteerd. Onder het articul van geld zaaken, se betuijgen bEijschap over het door Hunne Hoog Edelheedens genoegen zijn met geldt heeft toege„ zijnde over den bijstand in betuijgd Contanten, tot eene aanzienlijke som„ me van ƒ270'000: Nederlandsche, die men van hier in anno Passato Tu„ tucorijn gebooden heeft, zoo is ver„ staan, daar over de blijschap der Regeering te betuijgen — Dog voorts ten vervolge van Ente doen verslag waron dit articul, aan Hunne Hoog Edel heedens een omstandig verslag te kunnen voldaan doen van het besluijt deezer Tafel van den 26: augustus Iongstlee„ den, waar bij men, om Heeden daar bij E d Den 19: September 1780 De geevene Comminicatie van den ontvangs over Ceijlon van ƒ40794:12: 8 in 1926: mq: tr aan baar Ed: bij in het breede vermeld ik verpligt geweest, zig te excuseeren van de vol„ doening aan het versoek der Ceij„ lonsche Ministers om Tutucorijn wederom van hier te assisteeren met 300'000. gl:s aan bhaar goud of Pagorden Het bhaar zilver, volgens het gead„ viseerde door Hunne Hoog Edelhee„ dens, ten dienste van dit Gouverne„ ment, met het schip de Maria Iacoba na Ceijlon gesonden, be„ staande in 1920: mats die in gelden bedraagen ƒ49794:12:–. onlangs alhier zoo is ver„ ontvangen zijnde, staan, daar van bij den afgaan„ den brief gewagt te maaken on„ der dankzegging voor dies toe„ schikking. 5 voo. - 799. Den 19: September 17010 tot Negotiatie van geld te moogen, overgaan noo oplettendheijd gebruijken om de munts bevindingen na de intentie der heeren majores schikking; Desgelijks is verstaan, Hunne Hoog Dank voor de Conesse om Edelheedens nedrig te bedanken, voor de gunstige qualificatie aan deesen Raa„ de verleend, om des noods tot negoti„ atie van Contanten te moogen over„ gaan tegen den intrest van 6: pC:t dog daar bij teffens te noteeren, dat zal men daarvan geen gebruijk maaken, dan bij de uijtterste noodzaakelijkheijd — Terwijl voorts op de betuijging van Men dat alle mogelijke Hunne Hoog Edelheedens, dat Hoo in tmrij den dezelven niet anders konden zien off de Iongst overgezonde Munts 1 Rendementen waaren nu na de intentie der Heeren Principaa„ len ingesteld verstaan is te ant„ woorden Dank voor de passeering der gesegte spaanse ruijters alhier, die thans van de hoogste rendaatelijkheijd geworden zijn, en waarom. woorden, dat men alhier alle mo„ gelijke oplettentheijd doet gebruij„ ken, om de voorsz: Rendemen„ ten na de Intentie der Heeren Ma„ jores in te rigten, en dat men dus hoopt, dat de geenen welke Jongst gezonden zijn, en die, welke men . voortaan de eer hebben zal te over te zenden, steeds Hunne Hoog Edel Hoog agtb: zoo wel als hunne Hoog„ Edelheedens voldoen mogen 7. Vervolgens is onder het Hoofddeel der Fortificatien al aanstonds ver„ staan, Hunne Hoog Edelheedens met eerbied te bedanken voor het gunstig passeeren der alhier gedaane on„ gelden tot het zetten van span„ sche Ruijters, om daar door de opene Den 19: September 1780 passagie 801. Den 19: September 1780 passagie tusschen de Punt Hollan„ dia en de zee afte sluijten, onder„ vertooning wijders, dat die Ma„ Chines tans van de uijtterste nood„ zijn, alsoo saakelijkheid geworden het gerugt van den aftogt van Hai„ ders Roofbenden niet alleen meer en meer begind toeteneemen, maar ook gesegd wordt, dat deese stad, met nog een â twee Plaatschen hier omstreeks, als dan de eerst. visite staan te ontvangen, uijt buijten de zelven, zijne hoofde, Ruijters een open Passagie zouden hebben, tot binnen deese stad, het geen nu door het planten der voorsz: spaansche Ruijters eenigsints difficiel gemaakt is vervolg Desgelijks
English
19 September 1780 Thanks for passing the repairs at Palleacatta and Bimilipatnam. Indication of the cause of the erroneous entry in the letter of 22 January regarding what the execution of the plans of Paravicinie de Cappelle would cost. Likewise, it has been resolved to thank Their High Honours for approving the repairs made to the Palliacatta fortifications, to the chief’s dwelling, and to other buildings at Bimilipatnam. Concerning the great and gross error which occurred here in entering into the letter of the Government dated 22 January of this year the amounts of the calculations prepared by the late surveyor Henk, regarding what the execution of Plans No 1 and 2 designed by Captain Engineer Paravicinie de Cappelle would cost, it has been resolved to note with all respect that this error was mainly caused by the fact that the surveyor Henk neglected to sum up at the bottom of his aforesaid calculations the amounts required for rebuilding the fort and purchasing the houses according to either of the two plans, and that this Council therefore also hopes that this will be favorably considered by Their High Honours, the more so because it is a constant custom not only among the Dutch, but among all other European nations, to state the total sum of an account, calculation, or whatever it may be, entirely at the bottom of such a document; furthermore showing that the Secretariat clerks had also believed this to be the case here, especially since under each calculation it was clearly stated: thus the total sum. Furthermore, in respect of the same, it has been resolved to remark that the excessive costs stated by the surveyor Henk for executing either of the two plans also appeared quite unbearable to this Council, and that for that reason, as well as to avoid the demolition of the principal houses of the city and two of the most visited Malabar temples, the aforesaid plans were declared impracticable, while on the other hand they supported the proposal of Henk, because the Council, according to its limited knowledge of fortification works, believes that strengthening the outer city will be more useful or defensive, and less costly; further citing that at least the demolition of the houses that would then have to be leveled will barely amount to a third part of the sum stated for it in the calculation of Plan No 1. Because of illness and the death of Henk, the plans and calculation made according to his project could not be presented. Furthermore, it has been resolved to mention in the outgoing letter that because the illness and shortly subsequent death of the surveyor Henk had rendered this Government unable to present to Their High Honours the plan and calculation of what the fortification of the outer city according to the project of Henk would cost, this Council is very pleased that it has pleased Their High Honours to send hither on the ship Hoorn the Captain Engineer Samuel Hendrik Gerard de Veije, with orders to him to examine both the one and the other.
Dutch transcription
Den 19: September 1780 Dank voor de passering reparatien te Palleacatta en bimilipatnam. Aanwijsing waaruyt veroor„ saakt is, de abusive invul„ ling bij brieve van den 22. Ja„ nuarij van het geene de ex„ truatie der plans van par„ Desgelijks is verstaan, Hoog dezel„ ven te bedanken, voor het approbee„ ven der gedaane Reparatien aan de Palliacatsche vesting werken en aan 's opperhoofden wooning en andere gebouwen op Dimili„ patnam Nopens het groot en groff abuijs het wacim N:o 1:32. zouden kisten geen hier plaats gehadt heeft bij het in vullen bij den brieff der Be„ geering van den 22: Ianuarij dezes Iaars, van het bedraagen der Cal„ Culatien door den seedert overlee„ den Landmeeter Henk, geformeerd, weegens het geen de Extractie der Plans N:o 1: en 2: door den Capitain Ingenieur Paravicinie de Cappelle zouden komen te kos„ ontwerpen, ten ƒ 5. 803 Den 19: September 1730 E „ten, is verstaan, met alle Eerbied te noo„ teeren, dat dit abuijs hoofd zaake„ lijk veroorsaakt is, door dien den ladd„ meeter Henk verzuijmd heeft aan den voet van zijne voorsz: Calcule„ tien bij een te trekken de sommes die er tot het opbouwen van het fort, en het inkoopen der huijzen, na een der beijde plans vereijscht wierdt, en dat deesen Raade dien„ volgende, ook hoopt, dat dit door Hin„ ne Hoog Edelheedens in een gunstige aanmerking zal genomen worden, te meer, daar het niet alleen bij de „ Hollanderen, maar bij alle andere Europsche Natien, een Constant gebruijkt is, de totaale som van een Reekening, Calculatie, vervolg off 8: 1 Den 19: September 1780 Dank voor de passering reparatien te Palliacatta en bimilipatnam. Aanwijsing waaruyt veroor„ ling bij brieve van den 22. Ja„ nuarij van het geene de ex„ tructie der plans van par„ Desgelijks is verstaan, Hoog dezel„ ven te bedanken, voor het approbee„ ven der gedaane Reparatien aan de Palliacatsche vesting werken en aan 's opperhoofden wooning en andere gebouwen op Dimili„ patnam saaket is, de abusive inrue Nopens het groot en groffabuijs het wacim N:o 1: 32. zouden kosten geen hier plaats gehadt heeft bij het in vullen bij den brieff der Re„ geering van den 22: Ianuarij deezes Iaars, van het bedraagen der Cal„ Culatien door den seedert overlee„ den Landmeeter Henk, geformeerd, weegens het geen de Extractie der Plans N:o 1: en z: door den Capitain Ingenieur Paravicinie de Cappelle ontwerpen, zouden komen te kos„ ten 5. 803 Den 19: September 1780 „ten, is verstaan, met alle Eerbied te noo„ teeren, dat dit abuijs hoofd zaake„ lijk veroorsaakt is, door dien den land„ meeter Henk verzuijmd heeft aan den voet van zijne voorsz: Calcule„ tien bij een te trekken de sommes die er tot het opbouwen van het fort, en het inkoopen der huijzen, na een der beijde plans vereijscht. wierdt, en dat deesen Raade dien„ volgende, ook hoopt, dat dit door Hun„ ne Hoog Edelheedens in een gunstige aanmerking zal genomen worden, te meer, daar het niet alleen bij de „ Hollanderen, maar bij alle andere Europsche Natien, een Constant gebruijkt is, de totaale som van een Reekening, Calculatie, varolg 1 8: 1 Den 19: September 1780 „om de Excessive kersten soo wel als het afbreekens van 2: der voornaamste heijdenk tempels voor te koomen heeft men die beijde plans plant voor uijtwerlijk verklaard, off wat het ook weezen mag, aanden voet van soodanig een papier in het geheel uijttrekken, onder ver„ tooning verder, dat de Secretarij bediendens ook gemeent hadden, dat dit in deesen ook Plaats hadt, te meer wijl er onder ieder Calculatie duijdelijk gesteld was, dus de totaale som Voorts is ten opzigte van de zelve verstaan te remar„ queeren dat de excussive kosten door den Landmeeter Stenk voor het extrueeren van een der beijde plans opgegeeven, deesen Raade ook genoegsaam ondraagelijk woor„ gekomen waren, en dat men om die Reeden soo wel als om te o O - 805 Den 19: September 1780 te vermeijden de afbraake van de voor„ naamste huijzen van de stad, en twee van de meestgedagste Malla„ baarse Tempels, de voorsz: Plans voor onuijtvoerlijk verklaard, mits„ gaders daaren teegen de Proposi„ tie van senk geappuijeerd hebben, omrieden, den Raad, volgens haare geringe kennis van Fortificatie wer„ meenet dit het versterken ken ^ van de Buijtenstad meer nuttig off defensief, en mindere kostbaar weesen sal, onder aanhaaling wij„ ders, dat ten minsten de afbraak van de huijsen, welke als dan sul„ len moeten worden geapplanceerd, naauwlijks een derde gedeelten sal komen te bedraagen, en van de som, daar voor bij de Calcu„ latie E vervolg door zeikte en sterfgeval van en Calculatie na sijn pro„ ject gemaakt niet kunnen aanbieden. „latie van het Plan N:o vaf gegeeven Htenk heeft men de hlans Voorts is nog verstaan, bij den afgaan„ den brieff aan te haalen, dat wijl de ziekte, en het kort daar op gevolg sterff„ geval van den landmeeter Henk, dee„ ze Regeering buijten staat gesteld hadt, om Hunne Hoog Edelhee„ dens te kunnen aanbieden het plan en Calculatie, die het fortificeeren van de Buijtenstad, na het project van senk wel zou moeten kosten, dee„ zen Raade zeer verblijd is, dat het Hunne Hoog Edelheedens heeft behaagd, met het schip Hoorn herwaards te zenden den Capitain Ingenier Samuel Hendrik Gerard de veije met last aan denselven, om het een zoo wel als het andere na„ den 19: September 1780 den
English
807. The 19th September 1780 The Gentlemen Majores in the fatherland. Reason why this concerning the plans and calculation of Paravicini did not to examine and calculate, as well as to serve this Council with a report of his findings. Whereof simultaneously, pursuant to Their High Honours' order, it is understood to offer the copies directly to the Most Noble Highly Esteemed Gentlemen Seventeen. While further, in response to Their High Honours' declaration of expecting that one would have acted in the same manner here as concerning the plans and calculations of Paravicini, it is understood to answer with respect that the reason why this did not happen was caused by the Captain-Engineer de Paravicini having reported to this Council by his letter of the 21st January 1779, with which he sent over his plans, The 19th September 1780 The said de Veije shall, after the arrival of the new overseer, return to Batavia. that he, according to the order received, had sent copies of all the papers to Europe, further adding that moreover the time was already too far elapsed to be able to have those plans copied; and that consequently, in the confidence that it would be sufficient, it was merely decided to offer to Their High Noble Honours the calculations drawn up by him. After the execution of that work, subsequently upon the respected missive of Their High Noble Honours, it was approved and understood to let the aforementioned Captain-Engineer de Veije, after the completion of the commission, return to Batavia with his reports, calculations, and plans at the first opportunity after the new overseer 809. of the works shall have arrived here. Regret concerning the conception of the expansion of buildings. Upon the proposal of this Government to construct two new powder magazines, either in the inner city or elsewhere, having been remarked upon by Their High Noble Honours, to the effect that Their High Honours were almost brought to the conception thereby that one was rather engaged here in increasing the carpentry works than decreasing them, it was understood to express the Government's regret thereabout, further pointing out that one had truly been absolutely forced to propose to Their High Noble Honours the construction of two new powder magazines, either in the inner city, as that would indeed be the most convenient place, The 19th September 1780 place, Further representation of the necessity of their construction. or elsewhere, in place of the old dilapidated powder magazine in the Castle, by reason that, having been built into the curtains of the Castle, it has not only sunk and moved outward together with the main walls of that fortress, but the vaults are also cracked in most places. And since on top of all this, the sewers through which the drainage of water from the Castle into the moat must take place have become completely clogged due to the sinking and moving outward of the principal walls of the curtains, whereby it frequently, indeed even at the fall of The 19th September 1780 of 811. The 19th September 1780 Continuation the slightest rain, happens that the powder magazines fill with water, whereby each time a considerable portion of powder is rendered damp, wet, and unusable, it was likewise understood to make mention of this major defect in the outgoing letter, further giving to know that, the said defects being fully known to the Council, it caused them to resolve to make the aforesaid proposal to Their High Noble Honours, and all the more so because one is moreover well assured that the aforesaid defects cannot be remedied unless the fortifications of the Castle were to be completely demolished and renewed. Yet
Dutch transcription
807. Den 19: September 1701 de Heeren Majores in 't vaderland. Reeden waarom sulx om„ trend de plans en Calcula„ tie van partigacine niet den te examineeren en te Calculeeren, mits„ gaders van zijne bevinding aan dezen ƒ Raade te dienen van berigt— Daar van teffens, ingevolge Hoog den teguegen kennis tan aan„ zelver ordre, verstaan is, direct aan de Hoog Edele Hoog Agtbaare Heeren Zeeventhienen de Copien aan te bieden Terwijl voorts op Hoog dezelver be„ tuijging, van te verwagten, dat men sedaanen hiermatten ter weesen sou als om„ trend de Plansen Calculatien van Pararicini, verstaan is, met Eerbied te antwoorden, dat de reeden waarom dit niet is geschied, ver„ oorsaakt is, om dat den Capitain Ingenien de Paravinie bij zij„ nen brieff van den 21: Ianuarij 1719:/ waar bij hij zijne Plans oversond:/ aan . Den 19: September 1780 Men zal gemelde de vrije en de komst van den nieuwen opsiender weeder na ba„ aan deezen Raade hadt berigt, dat hij volgens ontvangen ordre van alle de papieren Copien na Europa gezonden hadt, onder bijvoeging verder, dat ook boven dien de tijd bereeds te ververlou„ pen was, om die plans te kunnen laa„ ten Capieeren; en dat men dienvolgende /:in vertrouwen dat het voldoende zou weezen eenlijk maar beslooten heeft de door Henk geformeerde Calculatien Hunne Hoog Edelheedens aan te bie„ den: na verrigting van dat werk Vervolgens is op het g'eerd aanschrijven taria laaten vertrcken van Hunne Hoog Edelheedens, goedge„ vonden en verstaan, den opgemelden Capitain Ingenier de veije, na vol„ bragte Commissie, met zijne berigten„ Calculatien en plans, bij de eerste geleegentheijd, na dat den nieuwere opzienen 809 bield, Tienerid der werken alhier zal zijn gearri„ veerd, na Batavia te rug te Laaten kee„ ven Op de propositie deeser Regeering om Ledewesen over het den ke twee nieuwe kruijtkelders het zijin de „ Binnenstad off elders aan te bouwen door Hun„ ne Hoog Edelheedens geremarqueerd Eijnde, dat Hoog deselven daar door haast in het denkbeeld waare gebragt dat men hier eer„ der zig hielt met de Timmerasien te vermeer„ zoo is verstaan, deren, dan te verminderen, daar over het leetweesen der Regeering te betuijgen, onder vertooning verder, dat men waarlijk absolut genoodsaakt geweest is, om Hunne Hoog Edelheedens het aanmaaken van twee nieuwe kruijt„ kelders, het zij in de binnenstad, dat daartoe welde gevoegelijkste Den 19 September 17130 plaats ƒ 1 Den 19: September 1780 Men zal gemelde de vrije en de komst van den nieuwen opsiender weeder na ba„ aan deezen Raade hadt berigt, dat hij volgens ontvangen ordre van alle de papieren Copien na Europa gezonden hadt, onder bijvoeging verder, dat ook boven dien de tijd bereeds te ververlou„ pen was, om die plans te kunnen laa„ ten Copieeren; en dat men dienvolgende /:in vertrouwen dat het voldoende zou weezen eenlijk maar beslooten heeft de door Henk geformeerde Calculatien Hunne Hoog Edelheedens aante bie„ den: e na verrigting van dat werk Vervolgens is op het g'eerd aanschrijven taria laaten vertrecken van Hunne Hoog Edelheedens, goedge„ vonden en verstaan, den opgemelden„ Capitain Ingenier de veije, na vol„ bragte Commissie, met zijne berigten Calculatien en plans, bij de eerstte geleegentheijd, na dat den nieuwere opzienen E 809 boold, tienersd der werken alhier zal zijn gearri„ veerd, na Batavia te rug te laaten kee„ ven Op de propositie deeser Regeering om Leedweesen vm het denk„ twee nieuwe kruijtkelders het zij in de Binnenstad off elders aan te bouwen door Hun„ ne Hoog Edelheedens geremarqueerd Eijnde, dat Hoog deselven daar door haast in het denkbeeld waare gebragt dat men hier eer„ der zig hielt met de Timmerasien te vermeer„ zoo is verstaan, deren, dan te verminderen, daar over het leetweesen der Regeering te betuijgen, onder vertooning verder, dat men waarlijk absolut genoodsaakt geweest is, om Hunne Hoog Edelheedens het aanmaaken van twee nieuwe kruijt„ kelders, het zij in de binnenstad, dat daartoe welde gevoegelijkste Den 19 September 17130 plaats Nader vertoon van aan boun plaats zij, off elders te proponeeren, in plaatsche van de oude vervallen kruijt„ kelder in het Casteel, uijt hoofde die, als gemaakt zijnde in de Gardijnen van het Casteel niet alleen te gelijk met de Hoofdmuuren van die Fortres gesakt en uijtgeweeken, maar ook de verwulfzels op de meeste plaatsen geschied zijn, derselver noodsaakelijk En nadien boven dit alles, de Riolen waar door de uijtloosing van het waater uijt het Casteel in de gragt geschieden moet„ door de zakking en uijtwijking van de Capitaale muuren der gordijnen ten eenemaal verstopt geraakt zijn, waar door het dikwils, Ia selfs bij het vallen O Den 19. September 1730 van 811 Den 19: September 1780 vervolg van den minsten regen komt te gebeuren, dat de kruijtkelders vol waater loo„ pen, waardoor telkens een aansienlijk . gedeelte kruijt vogtig, nat en onbruijk„ baar gemaakt wordt, soo is almeede verstaan van dit voornaam defect aanhaaling te doen bij den afgaanden brieff, onder verdere te kennen geeving, dat dat de gemelde gebreeken aan den Raad volkomen bekend zijnde, haar heeft doen resolfeeren, om de voorsz: propositie aan Hunne Hoog Edelhee„ dens te doen, en sulks nog te meer, wijl men daaren boven wel versee„ kerd is, dat de voorsz: gebreeken niet kunnen verholpen worden, ten zij de fortificatie van het Casteel ten eenemaal werden afgebrooken en vernieuwt. Edog
English
The 19th of September 1780 To ask excuse for not having pointed out the old vaults in letters of the 22nd of January the aforesaid defects. Decision to request qualification from Their High Mightinesses, submitting a calculation urging the building of at least one new vault. However, since this Council, in its letter of the 22nd of January of this year, neglected to mention the aforesaid defects, which, as was rightly remarked by Their High Mightinesses, ought to have been done, it was agreed to ask Their High Mightinesses for an excuse on this account, while also demonstrating that the general bad condition of the Castle, which, apart from what has newly been erected, has sagged and cracked from one end to the other, did not let this Council think so far that these were irreparable. And it was furthermore agreed to present to Their High Mightinesses aforesaid, at the first opportunity, a new calculation for a powder vault, further mentioned in the Resolution of the 22nd of July last, with insistence that permission may be granted at least for the construction of one. The 19th of September 1780 Reasons why no mention was made of the request of the Artillery Lieutenant regarding the construction of a new powder house. It having subsequently been remarked by Their High Mightinesses that it had also appeared to them from the report of Artillery Lieutenant Hilmand, noted in the Resolutions of this Government of the 24th of December 1779, that he had requested a new powder house without any mention thereof having been made in the Resolution, although that request, according to the marginal notes on that Resolution, should have been presented to them; it was agreed, in resolution of this contradiction, to respectfully demonstrate to Their High Mightinesses that, since upon inspection of the powder house it was found still firm and strong enough to be used for some time for the drying of gunpowder, especially if only partly spent on the 25 Pagodas that are allotted to the owner thereof for annual maintenance, the Council on the 24th of December 1779 did not decide upon that part of the report of Artillery Lieutenant Hilmand, on the grounds that it was found, as was rightly noted by Their High Mightinesses, uninteresting and unreasonable. The 19th of September 1780 To ask excuse for not noting in the resolutions that this request of Hilmand was rejected. Thanks for the approved write-off of the carpentry accounts of 1778/9, which amounts to f 5266:4:8 less than the year 1777/8. For the repair of the town hall, there being no funds at present, use will be made in the meantime of the fine of Baars and De Neijs up to f 1500. However, since it was nevertheless neglected to have it recorded in the Resolutions that this request had been turned down, it was agreed to ask for an excuse on that account. Under the main heading of Carpentry and Repairs, the Carpentry Account of the financial year 1779 having been approved for write-off by Their High Mightinesses, it was agreed to thank them for this, further mentioning that although those accounts still run somewhat high, it is nevertheless f 5266:4:8 less than in the year 1777/8. Concession having subsequently been granted by Their High Mightinesses for the repair of the Town Hall without expense to the Company, it was agreed to devise a sufficient fund for this when opportunity offers, as a collection in the present state of affairs would be of little help, and in the meantime to make use for the repair of the same of the 1500 guilders in fines to which the former Jaggernaikpoeram Chiefs Baars and De Neijs were sentenced by Their High Mightinesses. The 19th of September 1780 The improper expenses incurred for Daatcherom will be caused to be reimbursed into the Cash by the former second De Neijs. Under the article of debits and write-offs, it having been noted with great justice by Their High Mightinesses that since the breaking up of Daatcherom, some expenses for that office had wrongly been brought to the charge of the Company by the Jaggernaikpoeram officials, it was agreed, in accordance with their honored written instructions, to cause the former Jaggernaikpoeram second De Neijs to reimburse into the Company's treasury shortly all that was entered for expenses of the Daatcherom office during his time as second of that factory. Meanwhile, however, it was agreed to respectfully thank Their High Mightinesses aforesaid, both for the approved write-off of various goods at Portonovo, partly damaged by leakage, and for the approval of the shortweights occurred in the garbling of 110 chests of nuts mixed with cloves.
Dutch transcription
Den 19: September 17810 te vraagen Excus over dat men bij brieven van den z2: Ianuarij de voorsz: vertoo„ geslreeken de oude kelders niet aangetoond heeft. besluijt om onder aanbieding ken ten minsten van Een nieuwe kelder A: Hoog Ed: Edog, wijl deezen Raade bij haaren ningen dien onverhelpbaar brieff van den 22: Ianuarij deezes Jaars, verzuijmd heeft, van de voorsz: ge„ breeken gewag te maaken, dat, zoo als door Hunne Hoog-Edelheedens te regt geremarqueerd is, hadt behoo„ ren te geschieden, soo is verstaan dierweegens bij Hoog deselven excus te vraagen, onder vertooning teffens dat den Generaalen slegten toestand van het Casteel het geen /:behalven dat er nieuw aan opgehaald is:/ van den een tot den anderen kant gesakt en gescheurd is deesen Raade niet soo ver heeft doen denken van een Calculatie aanman„ En is voorts verstaan, Hunne qualificatie te versoeken Hoog Edelheedens voornoemd, bij de eerste geleegentheijd aan te bieden. 7 813 Den 19: September 17510 Heeden waarom van het versoek vanden Luijtenand der arthillerij ter aanmaa„ plaats geen gewag gemaakt is, een nieuwe Calculatie van een kruijtkel„ der, nader vermeld ter Resolutie van den 22=e Julij j=o leeden met instantie, om ten minsten tot het aanmaaken van een te moogen worden gequalificeerd, Door Hunne Hoog Edelheedens vervolgens geremarqueerd zijnde, dat hem van een nieuwe kruij uijt het berigt van den Arthillerij Luijtenand Hilmand, genoteerd bij de Resolutien deeser Regeering van den 24: December 1779: aan Hoogde„ selven ook gebleeken was, dat den„ selven versogt hadt, om een nieuwe kruijtplaats, zonder dat daar van bij de Resolutie eenig gewag gemaakt was, schoon dat versoek, volgens de marginaale aanteekeningen op die Resolutie Hoog deselven moest worden voorgedraagen: zoo is tot oplotsing Den 19: September 1780 E vervolg. oplossing deezer teegenstrijdigheid ver„ staan, aan Hunne Hoog Edelhee„ dens reverentelijk te vertoonen, dat wijl men bij visitatie van de kruijt„ plaat, die nog hegt en sterk ge„ noeg hadt bevonden om nog eeni„ gen tijd tot het droogen van bus, poeder gebruijk te kunnen worden, voor al zoo er maar gedeeltelijk aan bekostigd word de 25. Pagoo„ den, die aan den Eijgenaar daar„ van voorjaarlijks onderhoud zijn toegelegt, den Raad op den 24: December 1779: niet gedisponeerd heeft op dat gedeelte van het berigt van den Luijtenand der arthillerij Hil„ mand, uijt hoofde met het daar„ toe, soo als door Hunne Hoog Edel„ heedens te regt is aangemerkt, in„ te ressant en onreedelijk hadt ge„ vonden d. 808. Den 19. September 1780 te vraagen Excus over het niet aantekeren bij resolu„ tien dat dat versoek van weeten is. aanschrijving der timme„ ragie reek: van 177/9: die ƒ5266:4:8: minder bedraagd dan van a:o 1777/8. Int Resperatie van het stadhuijs geen fonds als nu te bedan„ ken zijnde, zal men intusschen van de boete van baars en de„ reijs tot ƒ1500: gebruijk maaken. vonden— Edog, wijl, men egter verzuijmd heeft bij de Resolutien aanteekening te laaten Tilman van de handge„ houden, dat dit versoek van de hand geweesen was, zoo is verstaan, dierwee„ gens om verschooning te vraagen Onder het Hoofddeel van Timme Dank voor de gepasseerde ragien en Reparatien door Hunne Hoog Edelheedens ter afschrijving ge„ passeerd zijnde de Timmeragie Heeke„ ning des Boekjaars 1779: zoo is verstaan, Hoog deselven daar voor te bedanken, onder aanhaaling wijders, dat schoon die begen nog wat hoog opstok kering. Loopt, die egter ƒ5266: 4:8: minder is als in anno 1777/8. Door Hunne Hoog Edelheedens vervolgens Concessie verleend weesende tot 52. Den 19: September 1780 De oneijge opgebragte ongelden voor Daatcherom, zal men dor zijn genene lin genen secunde de Neijs in Cassa doen rembourcheren, tot het repareeren van het Stadhuijs buijten lasten van de Compagnie, zoo is verstaan daartoe bij geleegendheijd een toerijkend fonds uijt te denken, alsoo een Collecte in de presente tijds gesteltenis wijnig baaten zou, dag intusschen tot het repareeren van het zelve gebruijk te maaken, van de 1500: -. gl:s booten, waarin de gewee„ zen Iaggernaik Poeramsche opper„ hoofden Baars en De Neijs door Hunne Hoog Edelheedens verwee„ zen zijn,. Onder het articul van zn en afschrijv vingen, door Hunne Hoog Edelheedens met zeer veel regt aangemerkt zijn„ de dat seedert de opbraake van Daat„ Cherom, door de Pagger naikperram„ sche bediendens ten onregten, eenige N. ongelden 817. Den 19: September 1780 afsz: van dieverse portono„ rode goederen, 100: kisten nooten met na„ gulen. ongelden voor dat Comptoir ten laste van de Compagnie gebragt geworden waa„ ren, soo is verstaan, volgens Hoog„ derzelver geeerd aanschrijven, door den geweesen Iaggernaijkpoerams secunde de Neijs eerstdaags in Comp:s kasse te laaten restitueeren, al het geen geduurende zijn tijd als secunde van die Factorij voor ongelden van het Comp„ toir Daat Cherom is opgebragt . Inmiddens egter is verstaan Hun„ Dank voor de gaccordeerde ne Hoog Edelheedens voornoemd eer„ biedig te bedanken, soo voor de ge„ accordeerde afschrijving van dieverse goederen op Portonovo, gedeelte„ lijk door lekkasie bedurven geraakt, en gevallen minwigt op als voor het passeeren der geval„ len minwigten bij garbulatie van 110: kisten nooten met nagelen be„ Stort
English
The 19th September 1780 Thanks beforehand on account of the wool etc. The information from Bengal regarding the hopeless reeling wages. Mention is made concerning Your High Excellencies' statement that the last in the year 1778/9 would not have run so high. Cantervisscher's request met. The request of Miss the widow Cantervisscher having been sent by Your High Excellencies to the Director of Bengal, Ross, to inform them regarding the hopeless reeling wages mentioned therein, it is agreed to thank Your High Excellencies provisionally in the name of the widow for that favorable disposition, further mentioning that the remaining levy amounting to ƒ1420:– will be paid by her into the treasury here in the coming days. Under the main head of the Trade Profits not displeasing books, Your High Excellencies having stated that the profits and revenues of this government in the year 1778/9 would not have appeared displeasing to them, provided the expenses did not run so high, it is agreed to express the government's joy regarding the former, but concerning the latter to mention that although this Council must acknowledge that the expenses still run somewhat high, one can nevertheless on the other hand assure Your High Excellencies that every possible means is employed to reduce the expenses as much as possible, both here and elsewhere, and that one hopes that no displeasing evidence of this has already appeared to Your High Excellencies, since here since the fiscal year 1774/5 to 1777/8 the means has been found to diminish the general expenses of this government by a considerable sum of ƒ66322:18:–, and that notwithstanding that one was obliged in that time to have several major repairs carried out both here and elsewhere. The 19th September 1780 Hope held for balancing the Trade Books that are still in arrears for one year. Upon the earnest recommendation of Your High Excellencies to send over the trade books in arrears, it is agreed to reply respectfully that while one is continually working here and applying all possible diligence to balance that one year that the Nagapatnam trade books are still in arrears, one hopes that this will succeed shortly, in order that herein also the required satisfaction may be given to Your High Excellencies. The 19th September 1780 Thanks for placing on the roll for authorization the receipt by the church council here of the outstanding pay of Gebhard. The 15 sailors sent. While further, upon the communication given thereof, it is agreed to thank Your High Excellencies most reverently for having placed on the Roll of authorization the request presented from here by the Nagapatnam church council to be permitted to receive, under security for restitution from the Company treasury, the outstanding salaries due from the Company of the deceased minister Gebhart, and that in reduction of his debt to the Deaconry. Furthermore, under the main head of the Requisition and Remaining balances, it is agreed to thank Your High Excellencies very humbly for the 15 sailors sent out of the 25 heads requested from here. The 19th September 1780 By virtue of Your High Excellencies' recommendation, better casks were expected than those of last year. Upon the communication of Your High Excellencies that they had earnestly ordered the administrators in the provision warehouse at Batavia to take good care that the arrack to be sent to the outer stations would be shipped in good and strong casks, it is agreed to reply with respect that this Council, by virtue of that recommendation, had also expected that the arrack brought here this year with the ships Triton and Hoorn would have been shipped in better casks, but that upon the delivered cargoes, principally that of the last-named ship, it has again appeared here that the arrack was again sent hither in the same kind of leagers; mentioning further that one has not dared to omit communicating this once more to Your High Excellencies. The 19th September 1780 To order lead from Sadras hither. Thanks for the approval of the permission granted here to the owner to project 40 feet forward. Furthermore, pursuant to Your High Excellencies' honored order, it is approved and agreed shortly to order from Sadras the 38 1/2 sheets of lead or the greater part thereof, which has remained there as a remaining balance since the year 1769. Having now arrived at the article of the Domestic matters regarding the houses on the beach, as Your High Excellencies have been pleased to consent so favorably to the permission granted here to the collective owners of the houses and yards situated in the outer town along the river to project the facade of their houses 40 feet forward, it is agreed to thank Your High Excellencies most respectfully therefor, both in the name of this Council and of the aforesaid owners, with the serious assurance at the same time that this concession cannot give the least cause for tumult among the inhabitants, since thereby the Malabars, Moors, natives, and Christians are privileged on an equal footing. By Your High Excellencies having further stated that they hoped The 19th September 1780 The 2000 bags of chay-root of the Bimilipatnam merchant Perentaal have been publicly auctioned and sold by the Court of Justice.
Dutch transcription
Den 19: September 1784 Dan k vooren van wegen de wol ld: de informatie van bengalen omtrend de hoopelaase has„ pelloonen. „s doen aanhaaling nopens H: H: bet: betuijging dat men de laaste in a:o 1778/9: niet soo hoog liepen de zouden geweest zijn. —. Cantervisschen wagt gemoeg Het Request van Mejuffrouw de weduwe fantervisscher, door Hunne Hoog„ Edelheedens, den Heer Bengaals Directeur Ross, toegezonden zijnde, om Hoog dezelven, weegens de daarbij vermelde hoopeloose haspelloonen te informeeren, soo is verstaan, Hoog„ dezelven bij provisie uijt naam van de weduwe te bedanken voor die gunstige disposposi, onder aanhaaling wijders dat de verdere belasting tot ƒ1420:–. door haar eerst daags alhier in Casse zal wor„ den voldaan Onder het hoofddeel van de Negotie winsten niet onaangenaamboeken, door Hunne Hoog Edelhee„ dens betuijgd zijnde, dat de wins„ ten en inkomsten deezes gouver„ nements in anno 1787/8: Hoog de zel„ zouden wee„ ven niet onaangenaam stort zen. n 149 Den 19: September 17810 vervolg; zen voorgekomen, zoo de lasten maar niet zoo hoog liepen, zoo is verstaan, omtrend het eerste de blijdschap der Regeering te betuijgen, dog omtrend het tweede aan te haalen, dat schoon deezen raade advouceeren moet, dat de las„ ten nog wat hoog loopen, men egter aan den anderen kant Hoog dezelven kan verseekeren, dat men alle moogen lijke middelen aanwend, om de las„ ten zoo hier als elders, soo veel mogelijk te vermindderen, en dat men hoopt, dat hier van bereeds aan Hoog deselven geen onaange„ naame blijken zullen weesen voor„ gekoomen, nadien men hier zee„ dert het Boekjaar 1774/: tot 177: 7/1. het middel heeft weeten te vinden om de generaale Lasten deeses Gouverne„ „ments. Den 19: September 1780 Hoope die men heeft tot het Effen raaken met de No„ gatie boeken aan het Eene Iaar nog ten agteren staat. ments met een aanzienlijke som van ƒ66322:18:—. te diminueeren, en zulks niet tegenstaande, men indien tijd ver„ pligt geweest is, verschijde Capitaale Reparatien te laaten doen zoo hier als elders—. Op de ernstige Recommandie van Hunne Hoog Edelheedens, om de ten agteren staande Negotie boe„ ken over te zenden, is verstaan eerlied t met rescribeeren, dat dewijl men hier steets werksaam is, en alle mogelijke vlijt aanwend, om dat eene jaar, dat de Nagapatnamsche Negotie boeken nog ten agteren staan te vereevenen, men hoope heeft, dat door in eerst„ daags zal worden gereuisseerd, ten eijnde ook hier in aan Hoog deselven het vereijschte genoegen kan wor„ den 821. Den 19: September 1780 ten op de rolle ten authori„ satie te ontvangst bij de „ kerkenraad alhier van de te goed staande gag: van ge„ hbard. - overgesondene 1/5: mattroo„ sen . den gegeeven . E Terwijl voorts op de daar van gegeeven Dank voor het doen set„ Communicatie verstaan is, Hoogdesel„ ven zeer reverentelijk te bedanken, voor het doen stellen op de Rolle van auctorisatie van het van hier voorgedraagen versoek van den Na„ gapatnamschen kerkenraad, om onder Cautie de Restituenda uijt Comp:s kasse te moogen ontvangen, de bij de Compagnie te voorenstaande soldijen van den overleedenen Predicant Geb„ hart, en zulks in mindering van zijn debet aan de Diaconij Wijders is onder het Hoofddeel van te betuijgen dank voorde den Eijsch en Restanten, verstaan, wun„ ne Hoog Edelheedens zeer needrig te bedanken, voor de overgesonden 15: Mattroosen op de van hier ver„ sogte E Den 19: September 1780 uijt hoofde van A: H: Get: m Commandatie heeft men dan gesonden in beetere dat wer„ ken als die van lb: p:o ver„ wagt. Op de Communicatie van Hunne Hoog Edelheedens, dat zij de admi„ nistrateurs in het provisie Ma„ gu zijn te Batavia ernstige gere„ Commandeerd hadden, om tog Sorg te draagen, dat de arrak, die na de Buijten Comptoiren zou worden ge„ sonden, en goed en sterk vaatwerk ver zonden wierdt, is verstaan, met eerbied te antwoorden, dat deesen Raade, uijt hoofde van de Recomman„ datie ook verwagt hadt, dat de arrak die van dit Iaar met de scheepen de Triton en Hoorn alhier is aan„ gebragt, in beetere fusten zou over„ gesonden geworden zijn, dog dat bij de uijt geleeverde Laadingen Principaal die van het laastgemelde schip sogte 25. koppen alhier 823 Den 19: September 1780 lood, van Palliacatta herwaards te ontbieden. Danke voor de toestemming van de verleende penmis„ sie alhier aan de Eijgenaar om 40: voeten voor uijt te moogen springen. alhier wederom gebleeken is; dat de arrak weder in het eijge soort van Leggers was 99 herwaards gezonden; onder aanhaaling verder, dat men niet heeft durven na„ . laaten, dit andermaal aan Hunne Hoog Edelheedens te bedeelen Voorts is vervolgens Hoog derselver bestijt en tat nst tan set g'eerde ordre, goedgevonden en verstaan eerstdaags van Palleacatta te ontbie„ den, de 38: /½: b: plaatloot off het grootste gedeelte van dien, het geen aldaar, per restand geleegen heeft seedert den Iaare 1769:— Tans genadent zijnde tot het ar„ ticul der Huijzelijke bestellingen, de huijsen aan de Strand zoo is wijl Hunne Hoog Edelheeden zoo gunstig hebben gelieven toe te stemmen in de alhier verleende permissie Den 19. September 1780 De 2000: kuijlen zaaijloides van den bimilipatnam wag„ ter perentaal is publickt opgeveijlt en verkogt door de Iustitie permissie aan de gesamentlijke eijgenaa„ ren, van de Huijsen en erven, staande in de buijtenstad langs de revier, om met de gevel van hunne huijsen ko: voeten voor uijt te moogen sprin„ gen zoo is verstaan; Hunne Hoog„ Edelheedens voornoemd, soo uijt naam van deesen Raade als van de voorsz: Eijgenaaren, daar voor het aller eerbiedigste te bedankens, on„ der serieuse verseekering teffens dat deeze Consessie geen de minste oorsaak van tumult onder de ingezeetenen geven kan, uijt hoofde daar bij zoo en. wel de Mallebaaren, Mooren, tieven als Christenen op een gelijken voet bevooregt zijn Door Hunne Hoog Edelheedens vervolgens betuijgd zijnde, dat zij hooften
English
835. The 19th September 1780 hoped that the 2000 kuijlen of sowing land that had been requested for the benefit of the estates of the deceased Bimilipatnam resident heads Tfeitteren and Brouwer would have been auctioned in public, it was agreed to answer that the aforesaid land, which had belonged to the former Bimilipatnam renter Nagapalloe Perentaal, was sold in public by the Court of Justice according to the expectation of Their High Excellencies. While furthermore, with regard to the former interpreter Chinaija Naijker, following the honored instruction of Their High Excellencies, it was approved and agreed to confiscate all the unhusked rice stored by him in the Company's warehouses for the account of the Company, without The 19th September 1780 paying him any money or monetary value for it, unless he comes to make a request for it in a humble manner within the time of three months, laying aside his obstinacy. And since it is also evident from the report received from the adigaar of the villages, Johannes Scheuneman, that the said Chinaija Naijker does not yet have his privileged lands ploughed or sown, although the other inhabitants of this city or villages have not only already ploughed the lands owned by them or belonging to them, but have also sown the largest part of them; so after deliberation it was approved and agreed to have an extract from Their High Excellencies' aforementioned letter of the 6th June 1780 concerning this matter delivered to the said 837 The 19th September 1780 former interpreter, with the notification to conduct himself according to its contents, or otherwise, should the contrary be found, those privileged lands will be transferred to the present interpreter upon the approval of Their High Excellencies. Furthermore, upon the permission obtained for that purpose from Their High Excellencies, it was approved and agreed to reopen the importation of Madeira wine here to everyone, provided that instead of 1 1/2, 6 percent is paid for it. Further, following the honored instruction of the same High Authorities, it was also agreed to write to the former Diaconate cashier Wouter Pietersz, who is currently at Portonovo, The 19th September 1780 to pay the shortfall of capital on the Diaconate and Lepers fund, amounting together to 1095 New Nagapatnam pagodas, within a month's time, or otherwise, failing that, to place him in the hands of the Fiscal to proceed against him according to law. While it was furthermore also agreed to thank Their High Excellencies in the name of the church council for the granted permission to provisionally take the modest capital of the lepers into the Diaconate books, in order that those needy persons may subsequently be supported from the Diaconate funds until their fund has been brought back into 839 The 19th September 1780 a better state. Of which resolution it was also agreed to give communication to the church council here by extract. And further, in the outgoing letter to Batavia, not only to note that it was rightly observed by Their High Excellencies that the modest capital of the lepers must still be increased with 432 pagodas in uncollected interest money from the deceased minister Jebhart, but also to assure the same High Authorities that that money is included under the capital shortfall of the former Diaconate cashier Wouter Pietersz. Subsequently, with humble thanks for the permission granted to The 19th September 1780 the soldier Fridel to be allowed to remain stationed at Bimilipatnam, it was agreed to assure Their High Excellencies that care will always be taken, especially in the present time, that a good stock of grains will always be kept on hand here. It having been remarked by Their High Excellencies that from the resolutions of this table it had not appeared to the same High Authorities what the annual consumption of lamp oil was here, and that they had therefore also not been able to verify whether the quantity of 2400 measures accepted from the widow of the deceased Dispenser Appingh for 8 months was proportioned thereto; so it was agreed here 841 The 19th September 1780 to answer this with respect that the annual consumption of lamp oil here is set at 3600 measures, and that this council governed itself accordingly when by resolution of the 3rd October 1779 they agreed with the widow Appingh to pay 2400 measures in kind to the new Dispenser Geeke, with 10 percent spillage in addition, out of the lamp oil that she still had to account for to the Company as heiress of her husband. That as far as this 10 percent spillage is concerned, it is believed not to be too much, because the aforementioned Dispenser Jeeke, due to a lack of martavans, was obliged to store the said oil in leagers, which is otherwise done by no Dispenser. continuation
Dutch transcription
835. Den 19: September 17520 den ouden Tolk Chinaija voor de E: Comp:e aantetslaan, indien hij geen versoek om deselve kwam te doen. hoopten dat de 2000: kuijlen Zaaijland die ten behoeven van de boedels der overleeden Bimilipatnamschen ^ opperhoofden Tfeitteren Brouwer, verzogt zijn, in het openbaar zoude zijn opgevijld, zoo is verstaan daar op te antwoorden, dat het voorschreeve land, het geen den geweesen Bimilipatnamschen Pag„ ter Nagapalloe Perentaal hadt toebe„ hoord, na de verwagting van Hunne Hoog Edelheedens in het publicq ver„ kogt geworden is door het Collegie van Iustitie — Terwijl voorts ten aanzien van den besluijt om alle de Malij van ouden Tholk Chinaija Naijker, volgen het g'eerd aangeschrijvens van Hunne Hoog Edelheedens, goedgevonden en verstaan is, alle de van hem in Compagnies pakhuijsen opgeslagen nelij, voor ree„ kening van de Compagnie aan te slaan, zonder E . Den 19: September 17822 blijking bij een rapport van den Padigaarder dorpen dat gem: tolk sijn prevole„ onb: braijd laat leggen zonder daar voor aan hem nog geld nog gelds waarden te betaalen, zoo hij onder nederlegging van zijne Stijffhoof„ digheijd, daarom niet, binnen den tijd van drie maanden, op eene demoe„ dige wijze versoek kom te doen En nadien uijt ingekome Rapport een gie landen onbepaald en van den adigaar der Dorpen Iohan„ nes Scheuneman almeede Consteerd, dat gemelden Chinaija Naijker, sijne previligie landen nog niet laat be„ ploegen off bezaaijen, schoon de overige inwooners van deeze stad off dorpen, haar in eijgendom off haar toekomende landen, niet alleen bereeds geploegt maar ook voor het grootste gedeelte bezaaid hadden; zoo is na delibe„ ratie goedgevonden en verstaan, een Extract uijt haar Hoog Edelheedens opgemelden missive van den 6: Junij 1780:, deese zaak Concerneerende, den gemelden 937 Den 19: September 1784 Madrawijn open te zetten, mits in steede van 1:½. p„r C.:o Item den geweesen diaco„ nijen sijn te kort koming tot P: J: 1995: binnen een maand te voldoen. gemelden geweesen taalman ter hand te laa„ ten stellen, onder aankundinging om zig na dies inhoud te gedraagen, off dat men anders bij bevinding van 65 het tegendeel die priviligie landen, op approbatie van Hunne Hoog Edel„ heedens aan den presenten Tolk over„ geven zal. — Voorts is op de daartoe erlangde per Besluijt den invoer van missie van Hunne Hoog Edelheedens, bestaande goedgevonden en verstaan den invoer al„ hier van Madera wijn, wederom voor een ieder open te zetten, mits daar voor in steede van 1:½: 6: p„r C: tot betaald word Verde Wijders is vervolgens het g'eerd aan„ schrijven van Hoogdezelven ook ver„ staan, den geweesen Diaconij Cassier wouter Pietersz:, die thans op Portonovo Den 19: September 1780 Dank voor de permissie van hiet disoanten Capitatij gen in nemen. Portonovo is, aan te schrijven om het te kort gekomen Capitaal op den Di„ aconij en Leproosen kas, te zamen be„ draagende 1095: Nieuwe Nagapatnamsche pagooden binnen een maand tijds te voldoen, off hem anders bij manque„ ment van dien inhouden van den Fiscaal te stellen om teegen hem na regten te proceceeren, bij de diaconij door en tem Terwijl voorts almeede verstaan is, Hunne Hoog Edelheedens uijt naam van den kerkenraad te bedanken voor de verleende permissie, om het gering Capitaal der leproozen, bij provisie bij de Diaconij boeken te moogen inneemen ten eijnde die noodleijden„ de vervolgens zoo lang uijt de Dia„ Conij-middelen kunnen worden on„ der houden, tot haar kas weeder in een E 829 Den 19: September 17012 dat verlaff aan den kerken„ raad, dat de ingekomen intrest penningen vanden predi„ is. del te Bimilipatnam mag bescheijden blijven. een beteren staat gebragt is Van welk besluijt teffens verstaan, afpueren betaat van is, aan den kerkenraad alhier Com„ municatie te geven bij Extract de zes En voorts bij den afgaanden brieff na Ba, venlekining aan N: H: Eot tavia niet alleen te noteeren, dat Conthand onder wt door Hunne Hoog Edelheedens te regt is aangemerkt dat het geringe Capitaal der te proosen nog moet vermeerdert wor„ den met p:r :o 432: aan oningekome in„ trest penningen van den overleeden Predikant Jebhart, maar ook hoog dezelven te verseekeren, dat die pen„ „ningen begreepen zijn onder het t kort gekomen Capitaal van den gewee„ sen diaconij Cassier Wouter Pietersz:. Vervolgens is onder needrige dank „ dank dat den zoldaat fri„ Legging voor de verleende permissie aan Den 19: September 17010 A: H: Ed: remarque weegens non ontwaaring wat de Jaar„ lijkse Consumptie van lamp„ aan den soldaat Fridel om op Bimili„ patnam te moogen blijven te ens staan, Hunne Hoog Edelheedens te verseke„ ven dat men steeds, voor al in den presenten tijd zorg zal draagen, dat men hier altoos een goeden voor„ raad van graanen zal aan handen hebben Door Hunne Hoog Edelheedens ge„ olie alhier was remarqueerd zijnde, dat uijt de Re„ solutien deezer Tafel aan Hoogde„ zelve niet gebleeken was; de Iaar„ lijksche Consumptie van lamp oli alhier, en dat zij daarom ook niet hadden kunnen nagaan, off de van de weduwe van den over„ leeden Dispencier Appingh voor 8: maanden geaccepteerde quanti„ teijd van 2400:-. maaten daarmeede geproportioneerd was soo is verstaan hier 53 831 Den 19: September 17820 hier op met eerbied te antwoorden dat de Iaarlijksche Consumptie van lampoli alhier gesteld wordt op 3600: maaten, en dat deezen raade zig daarna ge„ reguleerd heeft, toen zij bij besluijt van den 3:' october 1779: aan de weduwe Appengh accordeerden, om van de lamp oli, die zij nog als erffgenaame van haar man aan de Compagnie verant„ woorden moest 2400: maaten aan den nieuwen Dispencier geeke in natuu„ ra te voldoen, met 10: p„r C:o spillagie daar„ en boven Dat wat doeze 10. p„r Co spillagie be„ treft men vermeent zulks niet te veel te zijn, uijt hoofde den opgemel„ den Dispencier Jeeke door gebrek aan martavaanen verpligt geweest is de gemelde olie in leggen te bergen, het geen anders door geen Dispencier ge„ daan 13. vervolg
English
The 19th of September 17820 were not accustomed to correspond with the Council of Justice at the outer offices, an extract has been issued, because they receive no more oil monthly from their oil pressers than they require for distribution; further citing that as this could have no place in this matter, because the said widow, according to the order of the Company, was obligated to settle in full, whether in kind or in cash, within a certain peremptory time, all the oil that was in arrears under her husband's administration, the said oil could also not well have been received by the Dispenser Geeke except with 10 per cent leakage, unless, in order to [illegible] the widow, one had desired his loss. Their High Excellencies subsequently having made a remark about 8733 The 19th of September 1780 about a certain address sent by the Council of Justice to the same, citing that, as Their High Excellencies are unaccustomed to maintain any correspondence with the Colleges of Justice at the outer offices, if the same have anything to propose they must do so through the local ministers, it was thus understood to have an extract of this passage from Their High Excellencies' letter delivered to the College of Justice here, to serve for their future guidance. Subsequently, under the section concerning the servants, Their High Excellencies having made a remark about the discharging of the Easterners, noting that the discharging of The 19th of September 17010 the same was not in accordance with the interest of the Company, and that besides this, dismissing them from service had to take place not at the outer offices but at Batavia, from whence they had been sent, it was thus understood, in reply to this item, respectfully to show to Their High Excellencies that of the two companies of Easterners who were stationed here, one was sent to Cochin for assistance in the war against Hyder Ali, and that of this company all the officers, together with the majority of the privates, were discharged on the Malabar Coast before one here had received 835 The 19th of September 1780 Their High Excellencies' order to send the two companies of Easterners stationed here to Ceylon. That as soon as the aforementioned order was received here, the Ceylon ministers were offered the Easterners still to be found here, who consisted of one captain, one lieutenant, three ensigns, and 68 privates; but that, those ministers desiring to accept none of them other than privates, provided they were native Malays, the same were selected to the number of 27 heads and sent to Ceylon. However, because the remaining 41 heads left here were not true Malays, but natives from here of the Moorish The 19th of September 1780 caste, whom one had been obligated to take into service from time to time in order to keep the company complete, this Council had indeed been forced to discharge the same along with the aforementioned five officers. Their High Excellencies having subsequently cited that Their High Excellencies would rather have seen that those who were disinclined to cross over to Ceylon had been sent back to Batavia with the continuation of their pay, as should still be done regarding their officers; further adding that Their High Excellencies at the same time await a report on the number of the discharged private 837. The 19th of September 17080 Malays, and what they presently subsist on, as well as whether there might not be a possibility to still persuade the same to cross over to Ceylon or Batavia; deliberation hereupon having been entered into, it was made known by the Lord Governor that of the said officers, Captain Tabar, Lieutenant Boediman, and Ensigns Namasinan, Abdoel gafver, and Samsodien were still here, along with 21 privates, who had remained here with their friends to whom they were related by marriage as well as otherwise and had their board, but that all the others or most of them had betaken themselves to the free trade, either to Malacca or Aceh; further adding The 19th of September 1780 that all the Malays present here had shown themselves very inclined to take service again, and to depart for Batavia upon the first order; and further proposed to take into service the Malays to be found here together with their officers. Whereupon, conforming to the desire of Their High Excellencies, it was approved and understood to re-engage the said five officers and 21 private Easterners into service at their former salary, the persons taken into service being named as follows: 1: Abdoel Japoer - - - - - - - - of Patoeaken ditto koedien 1: Iabar - - - - - - - - - - - of Batavia - captain 1: Bodiman - - - - - - - of ditto lieutenant 1: Ceneen - - - - - - - - - of Sumbawa ensign
Dutch transcription
Den 19: September 17820 ongewoon waren met den ragd van Justitie op de buijten Comp„ teeren te Cornespondeelen is extract opgegeeven, daan wordt, uijt hoofde dien maandelijks niet meer oli van hunne olislaa„ gens ontvangen als zij tot de ver„ strokking noodighebben; onder aan„ haaling wijders dat wijl dit in dee„ zen geen plaats heeft kunnen heb„ ben, uijt hoofde de gemelde weduwe volgens de ordre van de Compagnie verpligt geweest is als de oli die bij haare mans administratie per restand liep binnen zekeren per remptoir en tijd te voldoen, het zij in natuura off Contant de gemelde oli door den Dispencier Geeke ook niet wel als heeft kunnen wor„ den ontvangen als met 10: p„r Co spil„ lagie, ten zij men om de weduwe te Van de paned onedat 16: 8p:s v oordeelen zijne schaade begeerd hadt. Door Hunne Hoog Edelheedens ver„ volgens remarque gemaakt zijnde, over 8733 Den 19: September 1780 woorden op H: H: Eet: reman„ que over dat afdanking der over zeeker adres van den Raad van Iustitie aan Hoog deselven afge„ sonden, onder aanhaaling, dat Hoog„ dezelve ongewoon zijnde eenige Corres„ pondentie te houden met de Collegien van Iustitie op de Buijten Comp„ toiren, deselven iets voor de draagen hebben het aan de Ministers ter plaatsche doen moeten zoo is ver„ staan van deese preade uijt Haar Hoog Edele missive Extract te laaten afgeeven aan het Collegie van Justie alhier, om in het vervolg tot haar narigt te kunnen strekken Vervolgens onder het Hoofddeel der Watemnstand ist anto Dienaaren door Hunne Hoog Edelhe„ oterlngen d dens remarque gemaakt zijnde, over het afdanken der oosterlingen, onder aanmerking dat het afdan„ ken. Den 19: September 17010 veroog „ken van deselven niet met het be„ lang van de Maatschappij over een kwam, en dat behalven dit, het uijt den dienst stellen van Hun niet op de Buijten Comptoiren maar a Ba„ tavia, van waar ze gesonden waa„ ven, moest geschieden zoo is ter be„ antwoording deeser post verstaan aan Hoogst deselven met eerbied te vertoonen, dat van de twee Com„ pagnien oosterlingen welke al„ hier bescheijden geweest zijn, een na Cochim gezonden is, tot assis„ tentie in den oorlog tegen Haij„ der Ali, en dat van deese Compag„ nie alde officieren neevens het groots te gedeelte der gemeene op de kust Mallabaar afgedankt gewor„ den zijn voor men alhier van Hunne & . 835 Den 19: September 1780 Aanhaaling door H: H: Pet: dat gesien hebben de Maleijd„ sete die na Ceijlon niet had„ voor„ gevanden Hunne Hoog Edelheedens ordre ontfangen hadt, om de twee Compagnien oosterlingen, welke alhier bescheijden waaren na Ceij„ lon te zenden— Dat zoodra de voorsz: ordre alhier ontvangen was, men de Ceijlonsche Mi„ nisters aangeboden heeft: de hier nog te vinden geweest zijnde oosterlingen welke bestaan hebben in een Capitain „en luijtenand Drie vaandrigs, en 68. gemeenen, dog dat die Ministers daar van niets anders hebbende begeeren te accepteeren als gemeene, mits ge„ booren Maleijers zijnde, men deselve tot een getal van 27. koppen laaten uijtzolken en na Ceijlon gesonden heeft Dog dat wijl de hier overgeslee„ ven 41: koppen geen regte Maleijers den willen gaan na wimilip= maar inboorlingen van hier van de Moorsche, Den 19: September 1780 met den souwren bijde klejen toe daar over te kennen gegeven heeft, Moorsche Casta waren die men, om de Compagnie Compleet te houden, ver„ pligt geweest is van tijd tot tijd in dienst te neemen, / deesen Raade wel genoodsaakt geweest was, om desel„ ven neevens de voormelde vijf officier ven af te danken— Vervolgens door Haar Hoog Edel„ heedens aangehaald zijnde, dat Hoog dezelven lioft gesien hadden, dat de geene welke ongenegen geweest waren om na Ceijlon over te gaan, onder Coursneeming van gage, na Batavia te rug gesonden waren, zoo als nog omtrend hunne officieren moest geschieden; onder bijvoeging verber, dat Hoog deselven teffens berigt ver„ wagten van getal der afgedankte gemeene d. 837. Den 19: September 17080 gemeene Maleijers, en van wat ze tant bestaan, mitsgaders offer geen moogelijk„ heijd zou weezen om deselven als nog te persuadeeren om na Ceijlon off Ba„ tavia over te gaan: zoo is hier over ter deliberatie getreeden weezende, door den Heer Gouverneur te kennen ge„ geeven, dat van de gemelde officieren zig nog hier bevonden den Capitain Tabar, den Luijtenand Boediman, en de vaandrigs Namasinan, Ab„ doel gafver, en Samsodien, neevens 21: gemeene, die zig hier bij hunne vrienden waaraan zij door Huwelijk als andersints vermaagtschapt waren opgehouden en de kost geno„ ten hadden, dog dat alle de ove„ rige off de meeste van hun zig aan„ de vrije vaart het zij op Mallacca, off Athim begeven hadden, onder bijvoeging Den 19: September 1780 Besluijt om ingevolge order H: H: Ed: de alhier nog te „ ne in dienst te neemen. bijvoeging verder, dat alle de hier zijn„ de Maleijers zig zeer geneegen getoond hadden, om wederom dienst te nee„ men, en op de eerste ordre na Bata„ via te verstrekken vinden 5: officieren en 21: gemee„ n voorts geproponeerd om de alhier te vinden Maleijers nevens hunne officieren in dienst te neemen— Waarop Conform de begeerte van Hun„ ne Hoog Edelheedens goedgevonden en verstaan is de gemelde vijff officieren en 21: gemeene oosterlingen, wederom in dienst te neemen, op hun voorig trac„ tement zijnde in dienst genoomen persoonen genaamd als volgd 1: Abdoel Japoer.- - - - - - - -. „ Patoeaken d:o koedien 1: Iabar.- - - - - - - - - - - van Batavia - kapit:n 1: Bodiman - - - - - - - „ _:o Luit=m 1: Ceneen - - - - - - - - - „ Sambawa vaand:s
English
839 The 19th September 1780 5. 1: Meja. .. Batavia 1: Kandie. - Danasarie 1: Abdoela. - queda. 1: oesseen - - Malacca 1: kader - - - - - Batavia 1: koedien. . . . . - - - - - - : Crocat ensign quedda 1: kasien - - - - Batavia 1: amath - - - - - ditto 1: kiettjel - - - - Batavia 1: oessen - - - - - - - Ceijlon 1: Jan - - - Batavia 1: Madat - - - - - - Danasarie 1: assan - - - - - - queda. 1: Samarang.- - - - . . . . . Malacca. 1: sineen - - - - - - - - - Pinang - - ditto 1: September - - - - - - - - ditto Subsequent Batavia 1: Kasiem - - - - - - - - - - - Java. 1: kadeer - - - - - - - - - Samarang 1: Dria - - - - - - - - - - - - - - Batavia Soldier, 1: Mobeen - - - - - - - Patoeakan. 1: Bapa - - - - - - - Treasie 1: kadeer - - - - - - - - - quada 1 The 19th September 1780 Resolution to retain the troops here on account of Hyder Ali's descent. the critical circumstances Subsequently, the matter having been put to the vote by the Governor as to whether the Malays just taken into service should be sent to Batavia with the return ship of this year, or whether they should be retained in this critical time, it was, after deliberation hereupon, noted that in these critical times, one might at times have the utmost need of these people, who have conceived a real hatred against Hyder Ali and his troops because of the ill-treatment inflicted upon some of their comrades when they were taken prisoners of war near Chettua, in order to somewhat reinforce the garrison of Nagapatnam; if that general, of whose intentions regarding the Dutch Company one is not sufficiently informed to remain at ease, should take it into his head to march down this way with an army; and following this, subject to the favorable approval of Their High Nobles, it was not only approved and agreed to retain the aforementioned small company of Orientals until the apparent danger threatening the whole Carnatic shall have vanished, but also to reinforce the same somewhat if true Malays can be obtained for that purpose. Meanwhile, it was approved and agreed to thank Their High Nobles aforementioned, in the name of the Trade Administrator Hendrik Nieuboer, 841 The 19th September 1780 Confirmation of Nieuboer, Fehr, and Brouwer. the Head Surgeon of the outer city Oltman Fehr, and the Pay Bookkeeper Broerius Brouwer, most respectfully for the favorable confirmation in their aforementioned posts. Item for the appointed commission of van Bijland as overseer of works here. To render thanks, for and on behalf of de Neijs and C:s Simons regarding their recommendation to Europe to become merchant and junior merchant, Likewise, it was agreed to thank Their High Nobles for the communication given of the appointment of the junior merchant and current pay bookkeeper at Surat, Willem Hendrik van Bijland, as overseer of the works here, citing furthermore that, upon Their High Nobles' instruction, the provisional performance of that service has already been assigned to the aforementioned Captain Engineer De Veije. As the chief and the second of Sadraspatnam, 843 The 19th September 1780 that soldier Paul among the garrison was handled as innocent second of Sadraspatnam, Mr. Jacob Pieter de Neijs and Jacob Simons, feeling the great favor that Their High Nobles have promised them, namely to favorably recommend them to the Lords Majors for the attainment of the effective rank and pay of merchant and junior merchant respectively, have very urgently requested this Council to thank Their High Nobles most humbly for this, it was agreed to do so in the outgoing letter. Declaration that a certain soldier Carolus Pawel was sent to Batavia as innocent and curable Upon the remark of Their High Nobles regarding the soldier Carolus Pawel sent to Batavia as innocent and curable, it was agreed to assure Their High Nobles with respect that the said Pawel (who has always been carried under that name here on the pay books) was considered innocent not only among the garrison here, but also by several other people who knew him, citing further that it is hoped that the Head Surgeon of this Castle, who served with a report on that case in the past year, will be absolved by Their High Nobles of inattention or incompetence in this matter. While it was furthermore agreed to inform Their High Nobles that, pursuant to the favorable qualification obtained from Their High Nobles for that purpose, according to the resolution of this Table of The 19th September 1780 To send again a Surgeon to Jagper and to Bimikijpatnam with qualification to once again charge the hospital expenses. the 15th of this month, a Surgeon will again be sent to Bimilipatnam and one to Jaggernaikpoeram, to remain stationed there, with qualification to the chiefs to once again, as was done previously, enter into their monthly expense accounts such hospital expenses as are permitted by the Memorandum of Economy. Furthermore, upon the qualification obtained for that purpose from Their High Nobles, it was agreed that the Boatswain Jan Kiers, who departed as Pilot on the ship De Triton to Jaggernaikpoeram, as soon as he returns, having been examined, be appointed as mate. 845 The 19th September 1780 being examined to be appointed as mate. the boatswain Jan Kiers to 6
Dutch transcription
839 Den 19: September 1780 5. 1: Meja. .. 1: Kandie. 1: Abdoela. - 1: oesseen - - 1: kader - - - - - 1: koedien. . . . . - - - - - - : Crocat vaandrig 1: kasien - - - - 1: amath - - - - - 1: kiettjel - - - - 1: oessen - - - - - - - 1: Jan - - - 1: Madat - - - - - - 1: assan - - - - - - 1: Samarang.- - - - . . . . . Malacca. . „ 1: sineen - - - - - - - - - Pinantia - - d:o 1: September - - - - - - - - _:o „ _ o. „ Ceijlon - - - „ Batavia . - „ — Danasarie „ queda. . . „ - - - - Mallacca - - „ -- - Batavia - - - „ quedda - - - „ - - Batavia - - „ - - -_:o - - „ Batavia Vervolgens - - – – Batavia - - - „ 1: Kasiem - - - - - - - - - - - Iawa. . . . „ 1: kadeer - - - - - - - - - Samarang - - „ 1: Dria - - - - - - - - - - - - - - Batavia Zoldaat, 1: Mobeen - - - - - - - Patoeakan. „ 1: Bapa - - - - - - - Treasie - - - „ 1: kadeer - - - - - - - - - quada - - - - - „ . . - - - -- . - - 1 Den 19: September 1780 Besluijt om die krijgens mits steeds weegens Haijdernaik afkomst alhier aan te hou„ den. de Criticque gesteldheedens Vervolgens door den Heer gouverneur in omvraage gelegt zijnde, off men de zoo Even in dienst genome Maleijers met het Contra schip van dit Iaar na Batavia zenden; off om den Critiquen tijd aanhouden zal: zoo is hier over gedelibereerd zijnde aangemerkt, dat men in deese Cri„ ticque gesteldheijd van tijd dit volk het geen een weezentlijk haat tegen Haider Ali, en zijne trou„ pes hadt, opgevat, om de slegte be„ handelinge eenige van hunne mak„ kers aangedaan, wanneer die bij Chettua krijgsgevangen gemaakt wierden, zomtijds wel ten hoogsten zou kunnen noodig hebben, tot verstekking eenigzins van het Nagapatnamsche guarnisoen; zoo het dien veldheer van wiens„ intentie ten aansien van de holland„ scho F 841 Den 19: September 1780 G vestiging van Nieuboer, fher en Brouwer, - sche Comp:e men niet genoeg geinformeerd is, om gerust te kunnen blijven zit„ ten, eens gelusten mogte met een arme herwaards afte zakken; en is dien vol„ gende op gunstige approbatie van Hun„ ne Hoog Edelheedens niet alleen goed„ gevonden en verstaan de voorschreeve klijne Compagnie oosterlingen aan te houden, tot het oogenschijlijk gevaar dat gansch Carnatica drijgt, zal verdweenen weezen, maar ook deselve eenigzins te versterken zoo men daar toe regte Maleijers bekoo„ men kan Ondertusschen is goedgevonden en Dank vor de Gunstije big„ verstaan Hunne Hoog Edelheeden voornoemd, uijt naam van den Ne„ gotie overdrager Hendrik Nieuboer, den Den 19: September 1780 Item voor de gecommitteerde aanstelling van van Beijland tot opziender der werken al„ hier Te doen donk, voor en van wegen de Creijs en C:s Simons weeg:s hun voordragt na Eurapa om koop„ man en onder Coopman te worden, den opperchirurgijn der buijten stad olt, man Fchr; en den Soldij boekh:r Broerius Brouwer aller Eerbiedigst te bedanken voor de gunstige beves„ tiging in hunne voorschreeve posten. Tijden is verstaan Hoog deselven te bedanken voor de gegeeve Comma„ nicatie van de aanstelling van den onderkoopman en presenten zol„ dij boekhouder te souratta willem Hendrik van Bijland, tot opziener der werken alhier, onder aanhaaling wijden, dat op Hoog derzelver aan„ schrijving, de provisioneele waar„ neeming van die dienst bereeds opge„ draagen is, aan den voorwaards ver„ melden Capitain Ingenien De veije, Dewijl het opperhoofden den secunde 7. 843 Den 19: September 17010 daat Paul onder het guarni„ oosoen soo wel inrocnt gehan„ secunde van Sadraspatnam M:r Ia„ „cob Pieter de Neijs en Iacob Simons, gevoegelig zijnde, van de groo„ te gunst die Hunne Hoog Edelheedens haar hebben toegezegt, om hun nament„ lijk aan de Heeren Majores farora„ bel te zullen voordraagen ten er„ langing van de effective qualiteijd en gagie van koopman en onderkoopman respective, deesen Raade zeer in„ stantiglijk hebben versogt, om daar voor Hunne Hoog Edelheedens aller„ humbelst te bedanken, soo is verstaan dit te doen bij den afgaanden missive Op de remarque van Hunne Hoog„ denekring dat seekeren Col„ Edelheedens met opzigt tot den voor dm o innocent en mourabel na Batavia gezonden soldaat Carolus Pawel, is verstaan Hoog dezelven met eer„ bied Den 19: September 17080 Te Doene zending weeder van Een Chirurijn na Jagpen En na Bimikijsatnem met qualificatie om andermaaal de hopitaals ongeldten te moogen bied te versekeren, dat gemelden Pa„ wel (:welke met dien naam hier al„ toos bij de soldij boeken geloopen heeft: niet alleen onder het quar„ nisoen alhier maar ook door ver„ scheijde andere menschen, welke hem gekend hebben voor innocent ge„ houden is, onder aanhaaling verder, dat men hoopt, dat den opperchirur„ gijn deeses Casteels, die van dat geval in anno passato van Berigt gedient heeft, door Hunne Hoog Edelheedens zal worden vrijgekent van matten„ tie off onkunde in deeze Terwijl voorts verstaan is Hoogde„ zelven te bedeelen, dat men op daar toe erlangde gunstige qualifica„ tie van Hunne Hoog Edelheedens, volgens besluijt deeser Tafel van den. 845 Den 19: September 1780 mineerd zijnde tot stuurman aangestelet worden den 15: deeser, weeder een Chirurgijn na Bimilipatnam en een na Jagger„ naikpoeram zenden zal, om al„ daar bescheijden te blijven, met qua„ lificatie aan de opperhoofden om wee„ derom zoo als bevoorens is geschied, bij Hunne maandelijksche onkosts reekeningen op te moogen brengen, zoodanige Hospitaal ongelden als bij de Memorie van Menagie zijn toe„ gestaan Wijders is, op de daartoe er langd den batmastkien sgije qualificatie van Hoog deselven, ver„ staan den Bootsman Ian Kiers, die als Loots met het schip De Tri„ ton na Iaggernaikpoeram vertrok„ ken is, zoo dra hij ten rug komt tot 6
English
Upon receipt of the notification written by the Right Honourable Gentlemen regarding to appoint him as second mate, provided he possesses the necessary capability for it. Pursuant to the letter from the Right Honourable Gentlemen, he having been informed of the reasons that moved Their Honours not to grant the pilot's board money requested by him; it was agreed to mention this in the outgoing letter, further citing that, in submission to that resolution, he respectfully thanks Their Honours for the favorable consideration bestowed upon him. Furthermore, it was agreed to thank Their Honours not only for the granted inactive pay for another year to the inactive personnel present here, but also for the favorable passing of the salary of 20 guilders allocated here to the organist Swarts, and for permitting the continuation of the salary of Bookkeeper Isaac Reijnier Simons, who arrived here from Bengal with suspended pay, from the day he resumed service here. Subsequently, under delivery of the forwarded list, it was approved and agreed to order the Secretariat and Trade officials to no longer send the documents specified therein, as being needlessly dispensed with. The 19th of September 1780. While finally, pursuant to the aforementioned letter of the Right Honourable Gentlemen, it was also agreed to grant passage to Batavia on the companion ship Hoorn to the Gentoo Aija Candoe Poele and his cook Candoe Lebe, as well as to the Moors Machamadoe Isoep and Machomet Sab, with permission for the first-named to take along several packs of linen on recognition. Thus done and resolved in the Castle at Nagapatnam, date as above, signed as before, except P. S. Dormieux. Friday the 29th of September 1780. In the morning at 9 o'clock. Council of Policy meeting. Absent: The Senior Merchant and Honorable Chief Administrator Philippus Jacobus Dormieux, due to indisposition. Upon a petition submitted by Bookkeeper Frans Hendrik Wenger, who has amply and satisfactorily served out his contracted term at the Secretariat here, it was approved and agreed to discharge him with suspended pay on the companion ship Hoorn from here to Batavia in order to repatriate from there. Upon a received report concerning an delivered cargo from a private thonij from Palleacatta, chartered and sent hither by the chiefs on account of the Company with spices, Japanese bar copper, and linen packs, it was, after reconsideration, approved and agreed: First, to write off to profit and loss 11½ lbs of cloves from 2,293½ lbs and 25¼ lbs of Japanese bar copper from 41,250 lbs unaccounted for, as not exceeding the percentages validated by the Regulation on entry and writing-off. Secondly, however, in contrast, to have Bookkeeper and Warehouse Master at Palleacatta Jacob Beijster compensate, at 974 guilders 1 stuiver 8 pennies or redemption value, 86 lbs of cloves and 654¼ lbs of Japanese bar copper unaccounted for in excess of the validated percentages on the delivered consignments; and this because the tindal of the aforementioned vessel was not present at the weighing of the aforementioned goods. While further, thirdly, it was also agreed to insert the aforementioned report herein, reading as follows: Report of the following spices, copper, and linen packs, which on the 21st of this month were brought hither from Palleacatta by the thonij chartered for the service of the Honorable Company belonging to the native Kannegasawe Poele, and in the presence of the delegates who arrived, as well as the bookkeeper who came over from the said Palleacatta. The 29th of September 1780. Chartered and sent hither by the chiefs on account of the Company with spices, Japanese bar copper, and linen packs, it was, after reconsideration, approved and agreed: First, to write off to profit and loss 11½ lbs of cloves from 2,293½ lbs and 25¼ lbs of Japanese bar copper from 41,250 lbs unaccounted for, as not exceeding the percentages validated by the Regulation on entry and writing-off. Secondly, however, in contrast, to have Bookkeeper and Warehouse Master at Palleacatta Jacob Beijster compensate, at 974 guilders 1 stuiver 8 pennies or redemption value, 86 lbs of cloves and 654¼ lbs of Japanese bar copper unaccounted for in excess of the validated percentages.
Dutch transcription
Nij ontrmangen sij aan det aan gesz: door N: H: Elt: wegens door Dank voorde geangceerde nist„ gagie aan de gegagieerdens als hier tot onderstuurman aan te stellen, indien bij er de noodige beknaamheijd toebezit— un venrsegt kosten is Loop, vervolgens het aanschrijven van Hun„ ne Hoog Edelheedens, aan den„ selven kennis gegeeven zijnde van de reedenen die Hoogdeselven hadden bewoogen, het door hem verzogte kostgeld van Loots niet te accor„ deeren; zoo is verstaan daar van gewag te maaken bij den afgaanden brieff, onder aanhaaling wijders dat hij met onderwerping aan dat be„ sluijt Hoog deselven eerbiedig bedankt voor de gunstige reflectie die op hem geslagen is —. Voorts is verstaan Hoog dezelven te bedanken niet alleen voor de geaccordeerde. Den 19: September 1780. 1 54: 1747 Den 19: September 1784 tarij en Negotie bediendens om de g'excuseerde papieren meer geaccordeerde rustgagie voor nog een Jaar 29 aan de alhier zijnde gegageerdens, maar ook voor het gunstige passee„ ven van de alhier toegelegde gage van 20: gl:s aan den organist Swarts, en voorde gepermitteerde Cours nee„ ming der gage van den van Benga„ len met afgesz: gagie alhier aange„ komen Boekh„r Isaac Reijnier Simons, van den dag af dat hij hier weeder heeft dienst gedaan;— Vervolgens is onder afgaave, van den Sire lat aan de Cem„ overgesonden lijst, goedgevonden en ver„ ondr te senden staan de secretarij en Negotie bedien„ dens te gelasten, om de daar bij ge„ specificeerde papieren, als noode„ loos geexuseerd zijnde, niet meer af„ 1 „ - - te zenden Den 19: September 1780 besluijt aan den Aijakandoe en sijn koke Passagie na Batavia te verloenen te zenden; Terwijl laastelijk ingevolge hit g'een„ de aanschrijvens van Hunne Hoog Edel„ heedens almeede verstaan is aan den Ientieff Aija Candoe Poele en zijn kok Candoe Lebe, mitsgaders aan de Mooren Machamadoe Isoep. . . en Machomet sab met het Con„ traschip Hoorp transport na Ba„ tavia te verleenen, met permis„ sie aan den eersten om eenige lijwaat„ pakken op recognitie te moogen meede neemen; Aldus Gedaan en gearresteerd O in't Casteel tot Nagapatnam dato voorsz: geteekend als vooren Excepto P: S: Dormieux. Vrijdag: 849 Vrijdag den 29: September 1780: — gerom over Batavia ring der uijt geleeverde Landing van Palleacatta p:r in Thonij aangebragt 'T voormiddags ten 9: uuren Vergadering van Politie, L absent. Den opperkoopman en E: Hoofd administrateur Philippus Iacobus Dormieux Mits in dispositie. P een ingedient Request door den vergind verloffaan den boekk:waar Boekhouder Frans Hendrik wenger, te moogen repatrieeren welke zijn verbonden tijd ter secreta„ Welke rij alhier ruijm en tot genoegen heeft 1 uijtgedient, is goedgevonden en verstaan, 1 1. hem met afgeschreeven gage, met het Contra schip Hoorn van hier na Batavia te verlossen om van daar te kunnen repatrieeren Op een ingekoomen Bevinding, weer Resumptie ven berorde„ gens een uijtgeleeverde laading van een particuliere Thonij van Palle„ acatta 1 ƒ .. : 1 . . „ . besluijt om 112: lb: Nagulen en 25.:¼: lb: staafkooper ter afschrijving te passee„ „ring En daar en teegen met ƒ974: 1/3. door den Pakhuijsmeester vergoeden 86: lb: Nagulenen 654: ¼. lb: staafkopper acatta, door de opperhoofden met spen„ Cerijen, Iapansch staaf kooper en Lijwaat pakken voor reekening van de Compagnie bevragt en herwaards ge„ sonden, is na resumptie, goedgevonden en verstaan, Ten eersten op winsten verlies te Laa„ ten afschrijven 11:½: lb:s garrioffel nagelen 2293:½. lb: en 25:¼: „ Iapansch staaf kooper 41250: —. „ min ver„ antwoord: als niet excedeerende do bij het Reglement op de in en afschrijving gevalideerd wordende per centos Ten tweeden: dog daar en teegen door den Boekhouder en pakhuijsmeester te Palleacatta Iacob Beijster met ƒ 974:1:8: off uijtkoops te laaten vergoeden 86: lb: gariaffel nagelen en 654: ¼. lb:o Iapansch staaf kooper Den 29: September 1780 boven E 851. boven de gevalideerde percentos op de de aangebragte partijen te min verantwoord; en zulks uijt hoofde den Tandel van het opgemelde vaar„ tuijg, bij het afweegen van de voorschree„ N39 ven goederen niet presents geweest is— Terwijl voorts ten derden nog verstaan Item vmaant tvinding is die voorsz: Bevinding bij deezen te insereeren luijdende deselve als volgt, Bevinding van de onderstaande spe„ Cerijen, koper, en lijwaat pakken, dewelke op den 21: deeser per de ten dienste van De E: Com„ pagnie te Palleacatta bevragte tonij toebe„ hoorende den Jnlander kannegasawe poele, van daar alhier aangebragt en den overstaan der orgekomen gekommitteerdens, mitsgaders „den van gem: Palliacatta overgekomen boe„ Den 29: September 1780 houden. E 8 Den 29: September 1780 besluijt om 112: lb: Nagulen en 25.¼: lb: staafkooper ter afschrijving te passee„ ring. En daar en teegen met ƒ74: 1/3. door den Pakhuijsmeester vergoeden 86: lb: Nagulenen 654. ¾. lb: staafkorpen acatta, door de opperhoofden met spe„ serijen, Iapansch staaf kooper en E Lijwaat pakken voor reekening van de Compagnie bevragt en herwaards ge„ sonden, is na resumptie, goedgevonden en verstaan, Ten eersten op winsten verlies te Laa„ ten afschrijven 11:½: lb: garrioffel nagelen 2293: ½. lb: en 25:¼: „ Iapansch staaf kooper 41250:—. „ min ver„ antwoord: als niet excedeerende de bij het Reglement op de in en afschrijving gevalideerd wordende percentos Ten tweeden: dog daar en teegen door den Boekhouder en pakhuijsmeester te Palleacatta Iacob Beijster met ƒ974:1:8: off uijtkoops te laaten vergoeden 86: lb: gariaffel nagelen en 654: ¼. lb:o Iapansch staaf kooper boven E