Inventory 3617
Malabar · 471 pages · 226 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
54 The 11th of April 1782. who had the same examined by the skilled engineer Captain Brohier, and sent me his remarks, containing that the places of arms in front of the curtains should be retrenched according to a plan which he [illegible] church and everything else that stands within range of the cannon to be razed. I must admit, there is some hardship in this, but in times of war everyone must bear that, and if the Company is fortunate enough to keep this place, those who are interested therein can be compensated in one way or another. On these same grounds, I think that everything on the land side of the city that is judged to be capable of aiding an enemy in his approaches ought to be razed. For the defense of the place, it is absolutely necessary that there is a sufficient number of officers. I think that there should be no fewer than four captains for the European garrison, so that during a siege there can always be a captain of the day. The number of subaltern officers ought to be proportioned accordingly, and regarding the native troops, which, insofar as good men can be obtained, should be somewhat increased in order to make up for the shortage of Europeans as much as possible, I would advise Your Honors to divide them into battalions, and to place over them a European captain, and with each company of 100 men at least one subaltern European officer with a couple of European non-commissioned officers. The European officers and non-commissioned officers must apply themselves to learn the native language. The English, who derive very good service from their sepoys, give the officers placed with them a small monthly bonus as soon as they can speak the native language. They have two European subaltern officers with each company of sepoys, and a European captain over each battalion, and anyone who knows what native troops are will readily acknowledge that if anything good is to be accomplished with them, they must be led by European officers. Among the native troops at Cochin, the Christians, in comparison with the others, have too small a wage. They receive no more than four rupees, and they should therefore enjoy a parra of rice or a couple of parras of paddy monthly if they are to make ends meet to some extent; and if it might even be judged necessary later on, in order to bind them more to good conduct, I cannot see why one might not also raise their wage by a rupee. Even then they would still have one rupee less than the sepoys. One cannot protect oneself too much against a surprise, especially in the present war with the English, who are known by experience to be capable of the boldest and most dangerous undertakings. Against this, very good precautions have already been taken in front of the curtain between the bastions Stroomburg and Overijssel, and in front of this latter bastion itself, by placing a row of palisades along the riverbank. Nevertheless, I think that for greater security it is very necessary that both the bastion Overijssel and the curtain between this bastion and the bastion Stroomburg be raised by at least another four feet or so. On the outside of the curtain, a small ditch could moreover be made, to the extent that the terrain permits, from which at the same time a large part of the necessary earth for the aforementioned raising could be obtained. I have the honor to be with all respect, (was signed) a couple of rows of trou-de-loups arranged with stakes, or a small ditch dug. On the wall itself, storm beams can be laid, [illegible] to fire over bank. The 11th of April 1782. 52 77
Dutch transcription
54 Den 11' April 1782. die zelve door den kundigen Ingenieur Kapn. Brohier, heeft doen examineeren, en mij desselfs remarques toegezonden, behel„ „sende dat de wapenplaatsen voor de courtines dienen gere„ trancheerd teworden, volg:s een plan, het welk hij daar bij kerk en alles wat voorts onder het bereik van het kanon staat te laaten raseeren Jk moet het bekennen, hier in steekt eenige hardigheid doch in oorlogs tijden moet een ieder zig dat getroosten, en zoo de komp: gelukkig genoeg is om deeze plaats te behouden, kunnen die geene die daar bij gein„ tresseert zijn, op de eene of andere wijze worden te gemoed gekomen op deeze zelfde gronden denk ik dat al wat aan de land zijde van de stad g'oordeelt word een vijand in zijne aannaderingen vorderlijk te kunnen zijn behoord te worden geraseerd. Tot de deffensie van de plaats is het volstrekt nodig dat 'er een toerijkend getal officieren is, Ik denke dat 'er niet minder dan vier kapitains voor het Europeesche garnisoen dienen te weezen, op dat 'er bij een beleg altoos een kapitain de Jour hebben kan. Het getal van de subalterne officiers behoord daar na te worden gepropor tioneerd, en omtrend de inlandse troupen die voor zoo verre 'er goed volk te krijgen is nog wel wat dienden te worden vermeer„ „dert om het ontbreekende aan Europeesen daar door zoo veel ino „gelijk te suppleeren zoude ik uweled: achtb: raaden om die te vor „deelen in bataillons, en daar over aantestellen een Europersche ka„ „pitain, en bij elke komp: van 100. Man ten minsten een subalter Europeese officier met een paar Europeese onder officiers. De Europeese officieren en onder officieren dienen zich toe te leg „gen om de inlandse taal te leeven. De Engelsen die van hunne sipaijen heel goede diensten trekken geeven aan de officieren die daar bij geplaatst zijn een klijn maandelijks douceur zoo dro ze de inlandse taal spreeken kunnen ze hebben bij elke komp sipaijen twee Europeese subalterne officieren, en een Europessche kapitain over elk bataillon, en een ieder die weet, wat de inland se troupen zijn, zal gereedelijk erkennen, dat zoo 'er idts goeds meede zal worden uitgevoert, ze door Europeese officieren moe„ „ten worden aangevoert. Onder de jnlandse troepen te koetsiem, hebben de kristanten, in vergelijk van de andere, te klijne gagie. ze krijgen niet meer dan vier ropijen, en ze dienden dus wel een parra rijst of een paar parras Nelij maandelijks te genieten zoo ze eeniger maaten zullen rondschieten, en zoo het zelfs naderband, ten einde hen meer tot wel doen te verbinden, mogte noodig g'oordeelt worden, kan ik niet zien waarom men ze net ook een ropij in gagie zoude moogen verhoogen. ze zouden ook dan noch een ropij min„ „der hebben dan de sipais. Men kan zig niet te veel dekken teegen een surprise inzonderheid in den tegenswoordigen oorlog met de Engelsen die men bij de bevinding weet dat tot de allerstoutste en ge„ vaarlijkste onderneeming in staat zijn. voor de gordijn tussen de punten stroomburg en overijssel en voor deeze laatste punt„ zelve is daar tegens reeds een zeer goede voorzorge gebruikt, door het zetten van een reij pallissadus langs de rivier kant, niet te min denk ik dat het tot meerder zeekerheid zeer noodzaake„ „lijk is, dat beide de punt overijssel en de gordijn tusschen deeze punt, en de punt stroomburg ten minsten nog een voet of vier worden verhoogt. Aan de buiten kant van de gordijn zoude boven dien een klijne graft kunnen worden gemaakt, na maate dat het terrein dat toelaaten zal, waar uit teffens voor een groot gedeelte zal kunnen worden gevonden de nodige aarde tot de voorsz: verhooging. Jk heb de eere van met alle agting te zijn (:onderstond:/ paar reegen Wolfkuilen met paelen geschikt of eene kleene gragt getrokken wierden. op de muur zelfs kunnen storm balken gelegt worden, d. 1. t arrissel als is allemaal over bank te vuuren Den 11'. April 1782. wel 52 77
English
54 The 11th of April 1782. report from Major von den Busch C: S: who had the same examined by the capable Engineer Captn. Brohier, and sent me his remarks, containing that the places of arms before the curtains ought to be retrenched, according to a plan which he appended thereto. Right Honourable Sir, your Right Honourable's willing friend and Servant /:was signed:/ W: J: van de graaff /:in the margin: Cochin, the 6th of April 1782. Right Honourable Ruling Lord! The undersigned have, in the presence of the Lord Major, inspected the town and fortification works of Cochin, both in regard to the housing of the garrison as well as in regard to a brave defence, and find it necessary to point out the following. ƒ To the Right Honourable Ruling Lord Johan Gerard van Angelbeek Commander and Ruler of the Coast of Malabar In the housing of the garrison, the essential matter is that those men who are not on duty are covered from the fire of the enemy (excepting bombs). Therefore, barracks can be built at the times of siege on the places that are behind the warehouse and the Dispensary near the flag tower, along the curtain of the bastion Groningen, and in the Company's garden between the bastions Zeeland, Utrecht, and Holland, in which the men needed for the defence of the fortification works may lie; the construction is: Every 12 feet from the inner revetment wall, beams 12 inches thick and 12 feet long must be let into the revetment wall at one end two feet deep, and joined at the other end onto the perpendicular beams, so that they make an angle of 30 degrees together. Across these, four beams 6 to 8 inches thick are nailed at equal distances parallel to the revetment wall without letting them in; everything is nailed on top with planks at least 2 inches thick or covered with fascines instead of planks, and covered with earth at least 2 feet high; under each such section 6, and as it is made continuous 7 to 8 men, can lodge. Since the wood, if it were erected in advance, could rot even before the place were besieged, all these beams, planks, or fascines can be made ready, and all parts numbered, holes made in the ground and the revetment wall, and the woodwork kept in warehouses; should a siege come, then the barracks are ready in 24 hours; should peace come, then the woodwork can be used for something else. Furthermore, the houses situated closest to the curtains can be used for housing in times of siege; one can use one to two rooms in each house for this purpose and, if necessary, pay billet money to the inhabitants. At the places situated far from the attack, no great precaution is needed, and from those houses that are close to the attacked polygon, the roofs can be removed, and the walls covered with beams, planks, or fascines, and earth placed upon them; the same can be done with those in the gorge. a few rows of trou-de-loup arranged with stakes, or a small ditch dug. On the wall itself storm beams can be placed, [illegible] to fire over the parapet The 11th of April 1782. let in regarding this design. 53 77 of the
Dutch transcription
54 Den 11. ' April 1782. bericht van den Majoor von den busch C: S: die zelve door den kundigen Ingenieur Kapn. Brohier, heeft doen examineeren, en mij desselfs remarques toegezonden, behel„ „sende dat de wapenplaatsen voor de courtines dienen gere„ trancheerd teworden, volg:s een plan, het welk hij daar bij Weledele Achtb: Heer uweledele Achtb: dienstwillige vriend en Dienaar /:was getekend:/ W: J: van de graaff /:inmorgine Koetsiem den 6. ' April 1782. Weledele Achtbaare Gebiedende Heer! De ondergeteekende hebben in presentie van den Heer Majoor de stadt en vestings werken van koetsiem, zoo wel in opzicht van de logeering van 't guarnisoen als in opzigt van eene dappere verdeediging nagezien en vinden noodzaakelijk vol„ Bij de logeering van 't garnisoen komt het daar op aan, dat die geene Manschappen die niet in dienst zijn, voor het vuur van den vijand (uitgenoomen bommen/ gedekt zijn. Dierhalven kunnen op de plaatsen, de agter het pakhuis en de Dispens bij den vlagge toorn zijn, langst de gordijn van 't bolwerk Groeningen, in de komp:e thuin tusschen de bolwer„ „ken Zeeland, uitrecht en Holland, ten tijden van belegering Barakken gebouwt worden, waar in de tot verdeediging der vestings werke, noodige manschappen leggen; de Construc„ „tion is. — Het moet van 12. tot 12. voet voor de binnenste bekleedinge muur af, 12. duim dikke en 12. voet lange balken, met het eene einde twee voet diep in de bekleedings muur „gendes aan te toonen. ƒ Aan den wel edel Achtb: gebiedende Heer Johan gerard van Angelbeek kommandeur en oppergebieder ter kuste Malabaar ingelaaten, en met het andere einde op den zink regten balken gevoegt, zoo dat zij eenen cirkul van 30. graaden te zaamen maken. Dwaars over deeze worden vier 6 a 8. duim dikke baeken ingelijker ruimte parareel met de bekleedings muur vast gespijkert zonder in te laaten! alles van booven met ten min„ „sten 2 duim dikke planken bespijkert of met faschienen in steede van planken belegt, en ten minsten 2. voet hoog met aarde bedekt, onder ieder zulken afdeeling kunnen 6. en terwijl het te zaamenhangd gemaakt word 7. tot 8. man Jerwijl het hout indien het bij tijds opgeregt word, zoude kunnen verrotten, eerder nog de plaats beleegert wierde, zoo kunnen alle deeze baeken, planken, of Faschienen kloor gemaakt, en alle deele numereert gaaten in den grond en de bekleedings muur gemaakt, in het Houtwerk in wa„ gazeinen op bewaart worden? komt eene beleegering zoo is de Barakke in 24. uuren klaar, wierd, het vreede zoo is het houtwerk tot iets anders te gebruiken. Verders kunnen de het naast aan de gordeinen leggende Huizen in beleegerings tijd tot logeering gebruikt worden men kan in ider huis een à twee kameren door toe ge„ bruiken en zoo het noodig is, de inwoonders quartier geld betaalen. Aan de van den aanval afgeleegene plaatsen, is geene groote voor„ zigt van nooden en van die Huisen 't welke digt aan den aange„ greepenen Polijgon zijn, kunnen de dakken afgenoomen, en de muuren met balken, planken of faschienen, en daar op gebragte grond gedekt worden even dit kan met de in de keele logeeren. paar reegen Wolfskuilen met paelen geschikt of eene kleene gragt getrokken wierden. op de muur zelfs kunnen storm balken gelegt worden, „ „ 1 „ 11 8 „ 1 ele aal over bank te vuuren Den 11' April 1782. ingelaaten nopens dit ontwerp. 53 77 der
English
54 11 April 1782. who had the same examined by the expert Engineer Captain Brohier, and sent me his remarks, containing that the places of arms in front of the curtains ought to be retrenched according to a plan which he [illegible] standing near the bastions barracks take place. The two large gunpowder houses, the one between Utrecht and Vriesland, and the second between Holland and Gelderland, can also by means of laid beams and added earth serve as lodging. In the ravelin outside the Nieuwpoort, some hundred men can also be lodged by means of barracks, which at the same time serve as a reserve for the troops defending Stroomburg and Overijssel, for only the small escape gate needs to be opened and they are in a few minutes there where it is needed. The enclosed space around the gunpowder mill can serve as lodging for the wives of the sepoys, the native Christians. Moreover, there remain empty spaces where the slaughter cattle in stock for the garrison can stand by means of a palisade enclosure. The small gunpowder magazines on the bastions must with particular care be covered by beams, fascines, and earth. In respect to the fortifications, the line from the command post up to the Genaille gallion altogether deserves the most serious reinforcement. The works flank each other poorly, and in particular the curtain between Stroomburg and Overijssel is so low that two men helping each other can climb onto the wall, whereas the greatest strength of lines of this nature consists in the height. It is necessary that this curtain and the point Overijssel be raised as high as Stroomburg is, and that besides this in front of the curtain and the flanks another few rows of palisades, or a few rows of wolf-pits arranged with stakes, or a small ditch be dug, and of which the troughs or sides cut perpendicularly and lined with a thin wall of cabook stones; thus after mature deliberation it was approved and resolved to have the same improved on the bastions and with the bastion. On the wall itself storm beams can be laid; from the point Overijssel down, firing must be done entirely over the parapet, consequently the embrasures must be closed; there where Overijssel connects with the curtain, a palisaded traverse was to be constructed which could enfilade that curtain from within. At that approach near Stroomburg, likewise a traverse, or even better a kind of entrenchment with some light cannons should be constructed, so that the enemy who has broken in cannot expand, and the garrison gains time to drive him back with saber in hand. In front of the river gate itself, a tambour must be made of palisades, with a barrier, partly to cover the gate somewhat, partly to provide the garrison standing outside with a secure retreat; one can then pull back inside through the gate, and if necessary, palisade the same, take down the bridge, and directly opposite the gate defend oneself behind a traverse of cabook bales. The two vessels Nehellenia and De Verwachting, which are lying near Kalwetti, must position themselves, the one in front of Overijsel and the second in front of Stroomburg; then the enemy dare not even attempt to attack the line from the command post to Overijsel as long as these vessels lie there, and the vessels themselves lie under the artillery of the fortress, and it is no easy matter to take these vessels away. pair Holland
Dutch transcription
54 Den 11. ' April 1782. die zelve door den kundigen Jngenieur Kapn Brohier, heeft doen examineeren, en mij desselfs remarques toegezonden, behel„ „sende dat de wapenplaatsen voor de courtines dienen gere„ trancheerd teworden, volg:s een plan, het welk hij daar bij der bolwerken staande kasernen geschieden. De twee groote kruit huisen, het eene tusschen utrecht en vries„ „land, en het tweede tusschen Holland en Gelderland kunnen ook door middeeft opgelegte balken, en opgebragte aarde tot logeering Jn 't Ravelijn buiten de nieuwpoort, kunnen door middel van barakken, ook eenige honderd Man logeeren, dewelke te gelijk als: eene reserve voor de troepen dienen dewelke stroomburg en overijssel verdeedigen want het durf maar bloot de klee„ „ne vlugt poort geopend worden zoo zijn zij in eenige minu„ „ten daar, waar het noodig is. De ingeslootene ruimte om de kruit moolen, kan de vrouwen van de Sipais de kristenen W=t tot logeering dienen. Daar blijven boven dien noch leedige plaatsen over waar op het in voorraad zijnde slagt vee van 't garnisoen middelst eene verpaggering staan kan. De kleene kruit magazijn op de bolwerken moeten met bijzonderen vlijt, door balken faschienen en aarde gedekt worden. Jn opzigt op de vestings werke verdient de linie van het kommandement tot aan het Genaille gall ion allemaal de ernstigste bekragting. — De werke flanqueeren zig slegt en in 't bijzondere de gordijn tusschen stroomburg en overijssel zoo laag dat twee Man de zig malkander helpen, op de muus klimmen kunnen daar dog de grootste sterkte der linien van deezen aart in de hoogte bestaat. Hlet is noodwendig dat deeze gordijne en de punt overijssel zoo hoog opgevoert worden als stroomburg is, dat buiten dien voor de gordijne dienen. en de flanquen en tweeder nog eenige reijen pallissoden, of een en welker bakken of zijden persiendikulair afgesneeden en met een dun muurtje van kopok steenen bekleedt zijn; zoo is na rijpe deliberaatsie goedgevonden en verstaan dezelven op de bolwerken te laaten verbeeteren en met het bastion paar reegen Wolfskuilen met paelen geschikt of eene kleene gragt getrokken wierden. op de muur zelfs kunnen storm balken gelegt worden, van de punt overijssel af, is allemaal over bank te vuuren volglijk moeten de schiet gaaten geslooten worden, daar waar Overijssel met gordijne te zaamen hangt, was eene verpal„ „lisadeerde Graverse aanteleggen 't welke die gordijne van binnen bestreiken kost. Aan die opvaart bij stroomburg zoude insgelijks eene graverse, of nog beeter eene aard van verschanzing met eenige ligte kanons aangelegt worden, daar mede zig de ingebrookene vijand niet uitbreiden kan, en de bezetting tijd gewinne, hem met den zaebel in de vuijst terug te dreiven. Voor de revier poort zelfs moet van pallissaaden een tam„ „boer gemaakt worden, met een Barier, deel om de poort etwas te dekken, deels om de bezetting dewelke buiten staat, eene zeekere retiraade te verschaffen, men kan zich zoo dan door de poort binnen trekken, en zoo het noodig is, dezelfde verpoggern, de Brug aftevennen, en regt de poort teegen over zig agter een fraverse van kopok ballen ver„ deedigen. De twee vaartuigen Nchellenia en de verwachting dewelke bij kalwetti leggen moeten zig het eene voor overijsel en het tweede voor stroomburg leggen, dan durf het devijand niet eenmaal waagen, de linie van 't kommandement tot overijsel aantevallen, zoo lange deeze vaortuigen daar leggen, en de vaartuigen zelfs leggen, onder het geschit van de Vesting en is dit geene ligte zaak om deeze vaartuigen weg te nemen paar Hollatard . 77
English
55 The 11th of April 1782. to remove, and consequently the attack from this side impossible. It is necessary, if only to make the fortress more respectable, not to permit vessels to pass in and out after midnight; just as little as passage through a gate is permitted at night, so little can one permit vessels passage in a river upon which a fortress depends, and through which it might be surprised and run into danger on a dark night. Close to the command post, some cannon were to be brought up to defend Gelderland; some swivel guns and storm beams are likewise necessary on the line from the command post toward Strooburg. Besides this, a supply of bombs, traps, hand grenades, pitch wreaths, pitch fascines, and scythes must be ready and at hand at all these places to repulse an assault. Outside the river gate lie some heaps of kapok stones, which must be removed so that they do not obstruct the cannon of Strooburg and Overijssel. All heavy cannon on the flanks must be removed and light ones installed in their place, in order to be able to fire more rapidly during a sudden attack. The maneuver of the large cannon is then too cumbersome and not fast enough; if it later comes to a formal siege, one places heavier pieces on the flanks of the attacked polygon. In front of all sally ports, a traverse was to be made on the inside, and a small cannon placed behind it; the greatest strength of lines of this nature consists in their height. It is necessary that this curtain wall and the point Overijssel be raised as high as Strooburg is; that, furthermore, in front of the curtain wall and the flanks of both, some additional rows of palisades, or a [illegible], and the banks or sides of which are cut perpendicularly and lined with a thin wall of kapok stones; to have them improved on the bulwarks and with the bastion, so it is approved and resolved after mature deliberation to [illegible] the same, as well as for all other sorties. To bring the garrison to full strength, and as close to perfection as ever possible, requires the greatest attention, and we believe that this cannot be effected more swiftly and appropriately for the benefit of the service than according to the following proposal: Assuming first that the post of Ayacotta would be withdrawn. And the post at Cranganore, which one wished to keep occupied, only to be garrisoned with the Europeans currently stationed there on detachment, the entire company of Topasses, and with the Chegos. Whereby the 3 companies of sepoys and 2 companies of native Christians return to the garrison and can be organized in the following order: The Grenadier company, considered as a lifeguard, is not included in the line. The 3 European and the 2 Eastern companies into the 1st Battalion. The 7 companies of sepoys, which according to the present establishment are too strong to be kept in proper order and to execute commands with the proper promptness in service, to be divided into 10 companies, and these 10 companies into 2 Battalions; and whatever men are lacking must be recruited. For each Battalion a capable commander, who ought to be a captain, and for each company a European officer, among whom at least one must hold the rank of Lieutenant, so that if the commander is wounded in an action, the Lieutenant may immediately take over the command in his place. [illegible]
Dutch transcription
55 Den 11' April 1782. wegteneemen en bij gevolg de aanval van deeze zijde onmogelijk. Het is nootwendig, en was het ook maar om de vetting respektabeler te maaken, en niet te permitteeren dat ten tijden naa middernagt vaartuigen buiten en binnen passeeren, zoo weinig men de passage snagts door een poort permitteerd zoo weinig kan men ook vaartuigen de passagie in een rivier permitteeren daar van een vesting dependeert, en waar door bij een donkere Nagt kan overrompelt worden, en gevaar loopen. Digt aan 't kommandement wassen eenige kanonnen op„ te brengen, om Gelderland te verdeedigen, eenige draaije bossen en stormbalken zijn op de linie van 't kommandement na stroom „burg toe van 'sgelijks noodzaakelijk, buiten dien moet op alle deeze plaatzen een voorraad van Bommen, strikken, hand„ „granaaten, pikkranzen, pikfaschienen, stormsensen gereed en bij der Hand weezen, om een storm afteslaan. Daar leggen buiten de rivier poort eenige staapels kapok steenen, dewelke weggenoomen moeten worden daarmeede zij de kanonnen van stroomburg en overijsel niet hinderlijk zijn Alle swaare kanons in de flanquen moeten af, en ligte in plaats gebragt worden, om bij eene attaque d'emblee daarmeede te schielijker kunnen vuuren het manaeu„ „vre van de groote kanons is als dan te bezwaarlijk en niet schillijk genoeg, komt het naaderhand, tot eene formeele beleegering zoo plaats men in de flangiven van de aangetaste Polijgon zwaarder stukken. Voor alle vlugt poorten was van binnen een Traverse te maaken, en een kleen kanon daar agter te stellen de grootste sterkte der linien van deezen aart in de hoogte testaat. Het is noodwendig dat deeze gordijne en de punt overijssel zoo hoog opgevoert worden als stroomburg is, dat buiten dien voor de gordijne en de flanquen en tweeder nog eenige reijen pallissoden, of een en welker bakken of zijden perpendikulair afgesneeden en met een dun muurtje van kopok steenen bekleedt zijn; op de bolwerken te laaten verbeeteren en met het bastion zoo is na rijpe deliberaatsie goedgevonden en verstaan dezelven zoo ook voor alle overige uitvallen. Om de bezetting volstaandig, en zoo veel maar im„ „mer mogelijk tot volkomenheid te brengen, ervordert de grootste oplettentheid, en wij gelooven dat zulx tot nut van de dienst niet schielijker, en voeglijker kunnen in staat gebragt worden, als na volgenden voorslag. Ten voor uitgezet dat de post van Aikotta zoude inge„ „trokken worden. En den Posten te Kranganoor die men wilde bezet houden maar met de teegenswoordig aldaar op kommando leggende Europeezen, de geheele kompanie Joepassen, en met de che„ „gossen te bezetten. — Waar door die 3. kompanien sipais en 2. kompanien kuis„ tenen, in 't garnisoen terug komen, en in volgende ordre ingedeelt kunnen worden. De Grenadiers kompagnie als een lijfgaarde gereekent word niet in rangeert. De 3. Europeesen en de 2. oostr: kompanien ten 1. Battaljon De 7. Kompanien sipatus welke na tegenswoordige vervatting te sterk zijn, om dezelve in gehoorige ordering te houden en in dienst de gehoorige schielijke volge te kunnen doen, in 10. kom„ „panien te deelen, en deeze 10. kompanien in 2. Battaljons, en wat aan manschappen afgaat, moet rekruteerd wordens ieder Battaljon eenen kapabelen kommandant, en die kopitain behoorde te zijn en tot ieder komparie een Europeesen officier, waar onder ten minsten, eener Luitenants karakter hebben moet, indien bij eener aktion de kommandant gekwest de Luitenant in zijn plaats zoo gelijk het kommando paar Hollotad zoo vervatten 77
English
could contain, furthermore also a sub-adjutant and with each company a European quartermaster. To form the 4 companies of Christians into 5 companies, and into one battalion, and since these 4 companies are already 511 common soldiers strong, no increase was necessary for further reduction. For this plan to form the 4 battalions, in addition to the present officers, there was still needed: 3 captains for battalion commanders, 1 captain for the company of Captain Frankena Lever, 1 staff captain for the company of the Major, 5 lieutenants, 15 ensigns, 4 sub-adjutants, 2 officers with the Malays, 3 captains, 3 lieutenants with the sepoys, 6 ensigns, 1 captain for the Christians, 3 [illegible]. In this manner, in all events, the service can be provided with proper officers, and the vigilance and perfection of each battalion depends on the vigilance of its commander. If we cannot count on the two Ceylon companies, the total of the garrison remains, the greatest strength of lines of this kind consisting in the height. It is necessary that this curtain and the Overijssel point are raised as high as Stroomburg is, that besides this, in front of the curtain and the flanks of both, several rows of palisades, or a 1st Battalion, and of which the cheeks or sides are cut perpendicular and lined with a thin wall of kapok stones; thus, after mature deliberation, it was approved and agreed to have them improved on the bulwarks and with the bastion. The 11th of April 1782. 1st Battalion of Europeans and Malays, 2 ditto sepoys, and 1 Christians, the number amounting, excluding the Ceylon companies, to 2223 heads. These troops, divided into 5 parts according to the necessity in a siege, amount each day to 444 heads who are capable of mounting guard. In this manner one must watch the movements that the enemy will have to make, and then with our managed reserves, reinforce the attacked posts. Officers, both European and native, are highly necessary, for one can easily realize that however brave the native officers may be in themselves, it is nevertheless not quite possible for them to command a troop against a European enemy. With the artillery, the same distribution is required, which are strong: 2 lieutenants, 3 pyrotechnicians, 6 bombardiers, 22 gunners, and 120 assistants. Thus every day can be used for service: 1 pyrotechnician, 1 bombardier, 4 gunners, and 24 assistants, and one can always manage the reserve thereof for the laboratory. [illegible] 1 ditto [illegible] 56 77
Dutch transcription
vervatten kunne, verder noch een onder Adjudant en bij ieder kompanie een Europeesen dailmeester. De 4. kompanien kristenen in 5. kompanien, en in een Battaljon te formeeren, en daar deeze 4. komp:e reets 511. gemeene soldaaten sterk zijn, zoo was tot verderen afgang geene vermeering van nooden. Tot deezen ontwerp, de 4. Battaljons te formeeren was tot de teegenswoordige officieren noch van nooden. 3. kapitains tot Battaljons kommandanten 1. kapitain voor de komp: van kapitain Frankena Lever 1. stafskapit: voor de komp: van den Heer Majoor 5. Luitenants 15. vaandrigs 4. onder Adjudanten 2. officiers bij de Maleiers 3. kapitains 3. Luitenants bij de sipatris 6. vaandrigs 1. kapitain Kristanten. 3. Arraatjes Jn diervoegen kunnen in allen voorvallen, de dienst met be„ hoorlijke officiers voorzien worden, en de waakzaamheid en volkoomenheid van ieder Battaljon, hangt van de vi„ „gelance haares kommandants af„ Jndien wij ons geene Reekening kunnen maaken, op de twee Ceilonse kompagnien, zoo blijft het sotal van 't garnisoen de grootste strakte der linien van deezen aart in de hoogte bestaat Het is noodwendig dat deeze gordijne en de punt overijssel zoo hoog opgevoert worden als stroomburg is, dat buiten dien voor de gordijne en de flanquen en tweeder nog eenige reijen pallissaden, of een 1. Battaljon en welker bakken of zijden persendikulair afgesneeden en met een dun muurtje van kopok steenen bekleedt zijn; zoo is na rijpe deliberaatsie goedgevonden en verstaan dezelven op de bolwerken te laaten verbeeteren en met het bastion Den 11:' April 1782. 1. Battaljon Europeesen en Maleiers. 2. d=o sipatus en 1. „ Kristanten het getal bedraagende buiten den Ceilonse Kompanien, 2223. koppen, deeze troepen volgens de noodzaakelijk „hied in beleegering gedeelt in 5. deelen, bedraagende id. dog 444. koppen die bekwaam zijn op de wagt te trekken, in diervoegen moet men zien op de beweegingen, die de vijand zal hebben te maaken, en als dan met onze me„ „nageerde reserven, de geattacqueerde posten te versterken; officiers zoo wel Europeesen als inlanders zijn hoogst noods zaakelijk den men kan ligt nagaan, hoe ook de Jnlandsche officiers braaf voor zig zelven zijn, zoo is het egter niet wel mogelijk, dat zij eenen troep kunnen aanvoeren, tegens een Europeesen vijand. — Bij de Artillerij is dezelfde repartitie benoodigt, dewelke sterk zijn. 2. Luitenants 3. vuurwerkers 6: Bambardicas 22. kanoniers en 120. hondlangers Dus kunnen alle dagen tot dienst gebruikt worden. 1. vuurwerker 1. Bombardier 4. kanoniers en 24. Handlangers en kan men de reserve daar van voor 't Laboratorium altoor menageeren. paar Hollaten 1. do Dog 56 77
English
The 11th of April 1782. request from the Head of the Militia, should he need it, because otherwise the number of artillerymen would be weakened too much. For it is too small to oversee the service of the artillery; therefore, one must support the artillery with Europeans from the two Cochin companies, as there are some 40 men with the company who have had instruction in the artillery. But if these were to depart, our Europeans would be noticeably weakened, and this cannot be remedied otherwise than by an augmentation of our natives, to the number of 3500 heads in the first plan, and without this, those considerable works of Cochin will strictly be able to be defended only poorly or not at all. Furthermore, there would still be needed for the artillery, on account of the small number of officers: 1 effective captain 2 lieutenants 2 ordinary fireworkers 4 extraordinary fireworkers With this, we hope to have properly fulfilled our commission, and have the honor to call ourselves with deepest respect, below stood: Right Honorable Worshipful Commanding Lord! Your Right Honorable Worship's very humble and obedient servants, was signed: F: von den Bersch von Sauer, J: G: Fornbauer and J Krans, in the margin: Cochin the 4th of April 1782. And having now proceeded to an attentive consideration: It is necessary that this curtain wall and the point Overijssel be raised as high as Stroomburg is, that outside of that, in front of the curtain wall and the flanks and both, yet some rows of palisades, or a [illegible] and whose cheeks or sides are cut perpendicularly and lined with a thin wall of kapok stones; so it has been approved and understood after ripe deliberation to have them improved on the bulwarks and with the bastion. [illegible] all consideration of the preceding address. Thus it was understood by all the members that one ought to leave nothing unattempted that can serve to preserve this fortress further, without sparing the costs required for it, because it is better to spend a part on the reinforcement and preservation than to lose the whole through dread of the costs, and that this argument must weigh all the heavier now that the preservation of Ceylon seems to depend greatly on the preservation of this place, because this island, having currently to do without the customary supply of grains from Coromandel and Bengal, can obtain any relief nowhere else in the west except here alone, while it would be extremely difficult for the Company and at the same time accompanied by very great risk to bring the entire requirement from Java, besides which it also still serves to be taken into account that if Cochin should fall into the hands of the English, our fleets and the French fleets would not be able to obtain any provisions or other necessities anywhere in the entire west of India, and thus be compelled to return from time to time to Batavia or the Islands to provision themselves anew and provide themselves with everything; and that it therefore does not come down to the costs in this matter, but rather to the question of whether the proposed means are necessary and serviceable for the preservation of this fortress; and therefore it has been approved and agreed by unanimity of votes to consider each proposal separately in further detail, in order to resolve the necessary measures thereon. Consequently, in the first place, on the proposals of these papers: [illegible]
Dutch transcription
Den 11'. April 1782. vraagen bij 't Hoofd der Militie, indien hij het zoude nodig hebben, vermits anders het getal der Artilleristen, te veel verzwakt wierd. Den het is te min om den dienst der Artillerij te oversien, dierhalven moet men de artillerij met Europeesen van de twee koettiemse kompanien ondersteunen; terwijl zig eenige 40. Man bij de komp: bevinden, die in de Ar„ tillerij hebben onderrigt gehad. Dog zoo deeze afgaan zouden, wierden onze Europeesen merkelijk verzwakt en dit is niet anders te helpen den door een augmentatie onzer Jnlanders, tot het getal van 3500 koppen primo plan, en zonder dit zullen volstrekt, die aanzienlijke werken van koetsiem maar slegt of gaar niet kunnen verdeedigt worden. Verders zoude nog bij de Artillerij benoodigt zijn, weegens het geringe getal der officieren. 1. Effective kapitain 2. Luitenants 2. ordinair vuurwerkers 4. Extra ordinair vuurwerkers Hier meede hoopen wij onze kommissie na behooren voldaan te hebben, en hebben de Eere ons met diepst respekt te noemen, /:onderstond:/ weledele Achtbaare gebiedende Heer! uw weledele Achtbaare zeer onderdanige en gehoorzaame Dienaaren /.was getekend:/ F: von den Bersch„ von sauer, J: G: Fornbauer en J Krans /:in margine/ Koetsiem den 4. April 1782. — En als nu getreeden zijnde tot eene aandachtige overweeging Hlet is noodwendig dat deeze gordijne en de punt overijssel zoo hoog opgevoert worden als stroomburg is, dat buiten dien voor de gordijne en de flanquen en tweeder nog eenige reijen pallissoden, of een de grooistear en welker bakken of zijden perpendikulair afgesneeden en met een dun muurtje van kopok steenen bekleedt zijn; zoo is na rijpe deliberaatsie goedgevonden en verstaan dezelven op de bolwerken te laaten verbeeteren en met het bastion Doch moet een kommandant der Artillerij kunnen volk disberatie ver alle overweeging van het voor enstaande addres. zoo werd bij alle de leeden estoo„ begreepen, dat men niets behoord onbezocht te laaten het geen eve strekken kan, om deeze vesting verder te behouden, zonder de kosten te ontzien, die daar toe vereischt worden, want dat het beeter is, een gedeelte tot de versterking en het behoud te bestee„ „den, dan het gehael door beschroomdheid voor de kosten te ver„ liezen, en dat dit argument thans te zwaarder moet wegen, nu het behoud van Ceilon van het behoud van deeze plaats grootelijx schijnt aftehangen, door dien dit Eiland de gewoone toevoer van graanen van kormandel en Bengale thans moe„ „tende missen, nergens anders om de west, als alleen hier eenig ontzet kan bekoomen, terwijl het voor de kompanie ten uitersten bezwaarlijk vallen en teffens met zeer veel risiko verzelt zoude gaan, de geheele benoodigdheid van Java aan„ „te brengen, waar en boven ook noch diend in aanmerking te koomen, dat als koetsiem in handen van de Engelschen mogt vallen, onze en de fransche vlooten nergens om de heele west van Jndien eenige leevensmiddden, of andere behoeften, zouden kunnen opdoen, en dus genoodzaakt weezen, van tijd „ naar Batavia of de Eilanden terug te keeren, om zich op 't nieuw te proviandeeren en van alles te voorzien; en dat het dus in deezen niet aankomt op de kosten, maar wel op de vraage, of de voorgeslaagene middelen noodig en dienstig zijn, tot behoud van deeze vesting, en is over zulx met eenpaarigheid van stemmen goedgevonden en verstaan, ieder voorstel in 't bezonder nader te overweegen, ten einde daar op het noodige te besluiten. Dienvolgende is in de eerste plaats, op de voorstellen van deeze papieren. paar Hollotard 77 den
English
to demolish. the parapet to improve. resolution to fortify, the Captains Brohier and Fornbauer, regarding the retrenchment taken; That this in itself is already a very great reinforcement and to let it be done, whereby the enemy is put out of the ability to capture the counterscarp by storm, or by main force, but is compelled to proceed to a formal siege, and that this will be of great utility especially for this fortress, since the re-entering places of arms thereon must perform the work of ravelins, which are not found here; That this utility becomes even greater, because one thereby needs fewer men to man a covered way, But that, in order to derive this last utility therefrom, not only the re-entering angles, or the places of arms before the curtains, ought to be retrenched, but also the salient angles, or the places of arms before the bastions, must be bonneted and mounted with cannon, as was proposed by the recently mentioned Captain Tornbauer, for hereby the glacis before the line or curtain lying between both places of arms is defended from both sides by the cannon from the faces and so swept that no enemy will easily dare attempt to break into it, and if he should have broken in, he would then still remain exposed to a violent fire, not only from the main fortress, but also from the two cannons which stand on both sides of the places of arms within the covered way and sweep it from within, so that one only needs to man the fortified places of arms of the places of arms in the covered way, considering three French officers, the French Captain Louis Alexander Michel chevalier of the covered the greatest name of it is necessary that this curtain and the point Overijssel be raised as high as Stroomburg, that besides this, in front of the curtain and the flanks and both, still some rows of palisades, or a need be manned, without needing men in the further part of the covered way. And consequently it was approved and resolved by a unanimity of votes, conforming to the advice of the Honorable Lord Extraordinary Councillor van de Graaff, to have the design of Captain Fornbauer regarding the fortifying of the places of arms in the covered way executed. on the Bastion Holland In the second report of the said Captain Fornbauer regarding the bastion Holland having been pointed out that the new work constructed thereon in the year 1778, under the name of demi-lune or fer à cheval, is disadvantageous to the defense and thus ought to be demolished, together with having a flèche constructed in place thereof beside this bastion toward the seashore: thus, after deliberation, it was deemed absolutely necessary, and consequently resolved by a unanimity of votes, to have that work, which was made with the best intention in the world but is now found not to satisfy it, razed and the bastion restored to its former state, together with having the proposed flèche constructed beside the same. As the parapets on the main rampart are generally judged to be too weak, and are also constructed in a defective manner, especially with regard to the embrasures, whose soles do not have a sufficient slope, and whose cheeks or sides are cut perpendicularly and lined with a thin wall of capoc bricks; thus, after mature deliberation, it was approved and agreed to have the same improved on the bastions and to begin with the bastion to place the third with the newly established company of Sepoys lier de Lovimier as commander with the battalion of Sepoys and the two French Lieutenants Pierre 11 April 1782. 11 April 1782. pair Hollotard needs 58 77
Dutch transcription
62 afte breeken. de Mortveering ken te verbieteren. besluit tot het fortifi„, den Kapitains Brohier en Fornbaur, nopens het retrancheeren genomen; Dat dit opzich zelve reets eene zeer groote versterking endein te laatten is, waar door de vijand gesteld word buiten het vermogen, om de Kontrescarpe stormenderhand, of de vize force te bemach„ „tigen, maar genoodzaakt, om tot eene formeele beleegering overtegaan, en dat dit inzonderheid voor deeze vesting van groote nuttigheid zal zijn, wijl de inspringende waapen plaatsen aan dezelve het werk verrichten moeten van ravelijns, die hier niet gevonden worden; Dat deeze nuttigheid noch grooter word, wijl men daar door minder volk tot het bezetten van een bedekten weg noodig heeft, Doch det, om deeze laaste nuttigheid daar van te trekken, niet alleen de inspringende hoeken, of de wapenplaatsen voor de gordij„ „nen dienen geretrancheerd, maar ook de uitspringende hoeken, of de wapenplaatsen voor de battions, gebonnet„ „teerd en met kanont bezet teworden, zoo als dat van eeven gemelden kapitain Tornbauer is voorgesteld, want hier door word het glacis voor de, tusschen beide wapenplaatsen, in leg„ gende linie of courtine van weerskanten door het kanon uit de facis gedefendeerd en zoodanig bestreeken, dat geen vijand ligt zal dorven onderneemen, om daarin te breeken, en zoo hij al mogt ingebrooken zijn, zoo zoude hij dan noch ge-exponeerd blijven aan een geweldig vuur, niet alleen van de kapitaale vosting, maar ook uit de twee komons, die van weerskanten van de waopenplaatsen binnen den bedekten weg staan en denzelven van binnen bestrijken, zoo dat men alleen de gefortificeerde wapenplaatsen van de wapenplaatsen in den bedekten weg, in aanmerking drie fransche officicassen, den franschen kapitain Louis Alexander Michel cheval„ teeren van den bedek„ de grootste naam van vlet is noodwendig dat deeze gordijne en de punt overijssel zoo hoog opgevoert worden als stroomburg is, dat buiten dien voor de gordijne en de flanquen en tweeder nog eenige reijen pallissoden, of een behoefd te bezetten, zonder in het verder gedeelte van den bedekten weg volk noodig te hebben. En is dienvolgende met eenpaarigheid van stemmen, konform het advis van den Edelen Heer Raad Extra ordinair van de graaff, goedgevonden en beslooten, het ontwerp van den kapitain Fornbauer no„ „pens het fortificeeren van de wapenplaatsen in den bedekten weg, te laaten exekuteeren. op t Bastion Holland Bij het tweede berecht van gemelden kapitain Fornbauer nopens het bolwerk Holland aangeweezen zijnde, dat het daar op in 't jaar 1778. aangelegte nieuwe werk, onder den naam van demi-lune of teracheval, nadeelig is aan de defensie en dus diend afgebrooken, mitsgaders in steede van dien eene ont hebe ae te lynflecte bezijden dit boewerk naar Zeestrand toe aangelegt te worden: zoo is, na deliberaatsie volstrekt noodig geoordeelt, en dien volgende met eenparrigheid van stemmen beslooten, dat werk, het welk met het beste oogmerk des werelds gemaakt is, doch thans bevonden word daar aan niet te voldoen, te loaten raseeren en het bolwerk in zijn voorigen staat herstellen mitsgaders bezijden het zelve de geproponeerde flesche te laaten aanleggen. wijl de Borstweeringen op de kapitaale wal doorgaans te zwak geoordeelt worden, en ook op eene gebrekkige wijze gekonstrueerd zijn inzonderheid met opzicht van de ein„ „brasures, welker zoolen geen genoegzaame dosseering hebben, en welker bakken of zijden perpendikulair afgesneeden en met een dun muurtje van kopok steenen bekleedt zijn; zoo is na rijpe deliberaatsie goedgevonden en verstaan dezelven op de bolwerken te laaten verbeeteren en met het bastion den derden bij de nieuw opgerichte kompanie Joepas te plaat„ „lier de Lovimier als kommandant bij het baltaljon koet„ lier late litatis en de twee fransche Luitenants Pierre Den 11. April 1782. Den 11. ' April 1782. paar Hollotard behoefd 58 77
English
62 instead of the stone [illegible] for timber for barracks etc. to let purchase. to place a stay resolution on the fortification of the Captains Brohier and Fornbauer regarding the retrenching taken; That this in itself is already a very great reinforcement, by which the enemy is placed out of the [illegible] traversing of the covered Holland to begin. It was also, in accordance with the advice of the Honorable Mr. van de Graaff, approved and agreed to have the stone cannon beds broken up, and others of wood placed in their stead. With regard to the island of Baipin by the Honorable Mr. van [illegible] [illegible] on the other side of the river [illegible] since the river between them upon measurement was found, in many places, to be not ninety rods wide, and this city and fortress could thus easily be shelled and bombarded from there, and that these therefore ought to be demolished, so that the enemy behind them cannot conceal himself and erect his batteries without being seen and disturbed from the city, it was, in order to decide the necessary concerning this, deemed useful beforehand to have the houses and huts standing in the way there surveyed and, together with the Roman church, appraised by knowledgeable people, by two members of this Council who may assume other expert persons for this purpose, and to appoint to this task the Chief of Kranganoor, the Honorable Cellarius, presently in loco, and the Secretary of this Council, the Honorable Daimichen. With regard to the Overijssel bastion and the curtain lying between the same and the curtain lying between the Stroomburg bastion, it being noted that they are much too low and thus open to surprise, which was somewhat remedied by the palisade of the river bank [illegible], yet with which it is judged one must not remain content, since one is dealing with an enemy who by nature has the greatest disposition for reckless undertakings; thus, in accordance with the advice of the Honorable Mr. van de Graaff and the proposal of the Honorable Major vor den Busch and further commissioners, it was approved and agreed to have that bastion, with the curtain adjacent to it, raised four feet higher, to have a small ditch dug in front of it on the outside, and to make a cut-off at both ends of the curtain, and to garrison the same with two cannons, in order to repel the enemy again by fire from these cannons, if, despite the aforesaid precautions, he should succeed in scaling that work. Furthermore, upon the proposals made thereto by the aforementioned commissioned officers, on account of the evident usefulness of the same, it was approved and agreed to have the timber for the barracks purchased and prepared in good time; to have the small powder magazines on the batteries properly provided; to have traverses laid in front of the sally-ports, and to have a tambour constructed in front of the River Gate. And at the same time, upon the proposition of the Lord Commander, it was approved and resolved to entrust the supervision and direction over all these new works, together with the further fortifications in general, to the oft-mentioned Captain Fornbauer, who is very skilled in military engineering, in order to be better assured that everything is properly made, and executed according to the plans and instructions. Regarding the augmentation of the troops, the Lord Commander communicated that the King of Cochin had previously indeed promised him a battalion of sepoys in case of a siege, but that one could not count on that now, because to place the third in the newly established company of Topasses [illegible] Chevalier de Lovimier as commander of the Cochin battalion [illegible] and the two French Lieutenants Pierre [illegible] of the places of arms in the covered way, considering those French officers, the French Captain Louis Alexander Michel Chevalier de Lovimier 11 April 1782. accordingly his 50 60 11 April 1702. 77
Dutch transcription
62 in stede van de Hteene„ isien en banstg tot houtwerk voor berakken enz: te looten inkooper. verblijk te plaatsen besluit tot het fortific, den kapitains Brohier en Fornbaur, nopens het retrancheeren genomen; Dat dit opzich zelve reets eene zeer groote versterking is, waar door de vijand gesteld word buiten het ne. teeren van den bedek„ Holland te beginnen. Ook is konform het advis van den Edelen Heer van de Graaff te te laaten maaken goedgevonden en verstaan, de steene kanon=beddings telaaten opbreeken, en anderen van hout in de plaats teleggen. Met opzicht van het eiland Baipin bij den Edelen Heer van tiete eden n en aan ant deen zinde des teng urzet an koornaken din kaaelin zijn, alzoo de rivier tusschen beiden bij maeting bevonden is, op veele plaatsen geene negentig roeden breed te weezen, en deeze stad en vesting dus van daar gemaklijk zoude kunnen beschooten en gebombardeerd worden, en dat dezelven derhalven dienen afgebrooken te worden, op dat de vijand daar achter zich niet kan verschuilen en zijne batterijen aanleggen, zonder van de stad gezien en gestoord te worden, zoo is om deezen aan„ „gaande het noodige te besluiten voor af dienstig g'oordeeld, de huizen en hutten aldaar in den weg staande te laaten opneemen en nevens de Roomsche kerk door kundige lieden te laaten taxel „ren, door twee leeden uit deezen Raad die hier toe andere kindt ecaatten aan kop: „dige perzoonen kunnen assumeeren en daar toe te benoemen draagen het opperhoofd van kranganoor de E: Cellarius thans in loco„ en de sekretaris deezes Raads d' E Daimichen. Met opzicht van het bolwerk overijssel en de tusschen het zelve en de gordijn tijnschen het bolwerk stroomburg leggende gordijn opgemerkt zijnde, dat dezelven veel telaag zijn en dus aan surprise openleggen, het geen door de pallissadeering van den oever der rivier wel eenigsints reuidratie an gavan verholpen is, doch waar in men oordeeld, niet te mogen berusten somn wijl men tedoen heeft, met een vijand, die tot roekelooze onder „neemingen van natuur de maeste disposietsie heeft, zoo is, ove eenkomstig het advis van den Edelen Heer van de Graaff en het voorgestelde van den E: Majoor voor den Busch en verdere gekommitteerden goedgevonden en verstaan, dat boewerk met de daar aangeleegene courtine vier voeten hooger te laaten maaken, aan de buiten kant daar voor kleene gragt te laaten trekken, en aan beide erden van de Courtine eene afsnijding te maaken, en dezelve met twee kanons te bezetten, ten einde den vijand, indien het hem, onaangezien de voorplr: voorzorge, mogt gelukken, om dat werk te beklimmen, door het vuur uit deeze kan ons wederom te verdrijven. Voorts is, op de daar toe gedaane voorstellen van eeven gemo gekommitteerde Officieren, wegens de zichtbaare nuttigheid van dezelven goedgevonden en verstaan, het houtwerk voor de barakken bij tijds te laaten inkoopen en in gereedheid brengen; de kleene kouit„ „magasijns op de batterijen behoorlijk te laaten voorzien, voor de uitval -poorten travessen te laaten leggen, en voor deri vier poort eenen Jamboer te laaten exstrueeren. — En is teffens, op de propositsie van den Heer Kommandeur goed„ „gevonden en beslooten, het opzicht en de direksie over alle deze nieuwe werken, mitsgaders over de verdere fortifikaatsie in 't algemeen op te draagen aan den meermel den kapitain Fornbauer, die in de krijgsbouwkundige zeer bedreeven is, om te beeter ver„ zeekerd te zijn dat alles behoorlijk gemaakt, en volgens de plans en voorschriften geexekuteerd worde. Nopens de augmentaatsie van de troepen kommuniceerde de Heer kommandeur dat de koning van Koetsiem, voor heen wel een battaljon sipahis, in val van beleegering aan hem beloofd Cla had, doch dat men daarop thans niet kost reekenen, door dien den derden bij de nieuw opgerichte kompanie Joepas te plaat„ „lier de Lovimier als kommandant bij het baltaljon koet„ lier late litahil en de twee Fransche Luitenants Pierre van de wapenplaatsen in den bedekten weg, in aanmerking die fransch officiassen, den franschen kapitain Louis Alexander Michel cheval„ den 11 ' April 1782. eenkomstig zijne „ren. 50 60 Den 11. ' April 1702. 77
English
The 11th of April 1782. and the arms should be placed properly; the resolution regarding the fortification of Captains Brohier and Fornbaur, concerning the retrenchment of the places of arms in the covered way, having been taken into consideration; that this in itself is already a very great reinforcement, by which the enemy is prevented from approaching. His Highness, shortly after the revolution that occurred in the land of the Zamorin, had sent word first through the Company's merchant Antaletti, and thereafter through his the King's brother-in-law, that he himself currently needed the promised battalion to protect his directly adjoining lands against the Nairs, and moreover would also not dare to assist the Company with military forces, since the English would derive a pretext from that to act hostilely against him and burden his realm. That therefore the entire force of the Company on this coast, when Ayacotta and Cranganore are abandoned and the garrisons withdrawn to ours, and the Ceylon troops are also counted in, according to the summary strength under Mid-March last, consisted of the following personnel: The Grenadier Company: Major's Company of Frankena: Guard, calculating usable personnel: 48, 490. Orientals The Company of Bappa Salia: 106. Sepoys The Company of Seid Gaffer: 161. The Company of Cheg Mira: 161. The Company of Abiboechan: 96. Europeans Topasses The same The Company of Lever: 74. Carried over: 418, 690. Sum: 2439. The garrison needs to be 3500 men strong. However, the Commissioners, not without great reason, deemed three thousand five hundred men necessary to properly defend this fortress, wherefore the Commander proposed to reach this number through the recruitment of [illegible], noting that one can obtain just as much service from the Christians as from the sepoys, and that, as residents and subjects of the Company, they are just as trustworthy. The Company of Abdulla Latuakan: 94, 200. [illegible] 22, 69. 65, 245. 90. 160, 545. 4. Sheikhs Company of Settua: Company of Paponetty: Company of Cranganore: Artillerymen Of the Europeans of our garrison: 47. The same of Ceylon: Native Artillerymen: Company of Midin: Company of Fakkier Mahmed: 91, 8, 11. Christians Company of Abdul Kader: 85. Company of Mierchan: 90. Company No. 1: 152. The 11th of April 1782. Carried over: 418, 690. to place the third with the newly raised company of Topasses, the French Captain Louis Alexander Michel Chevalier de Lorimier as commandant of the battalion [illegible], and the two French Lieutenants Pierre [illegible] with the battalion [illegible] of the King of Cochin: 88. 95. 90. 95. The Company No. 3: Company No. 2: 112. The 12 127. 60. 121. 90. 77.
Dutch transcription
62 Den 11. ' April 1782. en t gadie soete het geweer verblyjk te plaatsen besluit tot het fortifi„ den Kapitains Brohier en Fornbaur, nopens het retrancheeren bedek van de wapenplaatsen in den bedekten weg, in aanmerking genomen; Dat dit opzich zelve reets eene zeer groote versterking is, waar door de vijand gesteld word buiten het na zijne Hoogheid, kort na de in het land van den Samorijen voor„ „gevallene staatwisseling, eerst door 's komp:s koopman Anta letti, en daar na door zijnen /'skonings/ zwager had laaten boodschappen, dat hij het beloofde battaljon thans zelfs noodig had, om zijne naastaangrenzende landen teegen de Nairos te beschermen, en buiten des ook niet zoude durven de komp: met krijgs volk assisteeren, wijl de Engelschen daar van daan een preteijt kosten ontleenen, om hem vijandig te handelen en zijn rijk aante lasten; Dat dus de heele Macht van de komp: op deeze kuste, wanneer Aikotte en kranganoor verlaaten en de garnisoenen bij het onze ingetrokken, mitsgaders de Ceilonsche troepen meede gereekend wierden, volgens de korte sterkte onder Medid Maart jongstleeden bestond uit de volgende Manschap onder De Granadiers Kompanie - - - - - - - - - - Majoors Kompanie van Frankena - - - - - wacht reekene op bouikbaar Manschap - 48: 490. kante Oosterlingen De kompanie van Bappa Salia. . – – - 106. Sipahis — De kompanie van Seid gaffer - - - - - . „ Cheg Mira. . . . . . 161. „ Abiboechan Europeeschen Joepassen - - - - - - do — — — — — — - van Lever. . . . . . . 74. Transporteere 418. 690 161. 96. . 79: Somma 2439. de bezetting diend 3500. Doch dat de Gekommitteerden, niet zonder groote reeden, manstorts tezijn drie duizend vijfhonderd Man noodig oordeelden, om deeze vesting naar vereisch te defendeeren, weshalven hij komman„ „deur proponeerde, om dit getal door het aanwerven van „gemerkt, dat men van de kristanten eeven zoo veel dienst kan hebben als van de sipatis, en dat dezelven als Jngezee„ „tenen en onderhoorigen van de komp: ruim zoo wel te vertrouwen „ Abdulla Latuakan - - - 94. 200 0 1oof is bemgen waar het vnd 4„ hoogem anrde kois„ - - - „ 22. 69. 65: 245. 90. 160: 545. „ 4. — — — sjegos kompanie van settua - - o — - - „ Paponettij „ - – „ Kranganoor Artilleristen van de Europeeschen tot ons garnisoen. . . . 47. do van Ceilon Jnlandsche Artilleristen panie van Midin - -„ Fakkier Mahmed 91: 8: 11 Kristanten .- „ Abdul Kader - - - 85. — „ Mierchan. . . . . . 90. kompanie N:o 1. . . - - - - - - - 152. Den 11 ' April. 1782. P:r Transport 418. 690. den derden bij de nieuw opgerichte kompanie Joepas te plaat„ drie fransche officiers sen, den franschen kapitain Louis Alexander Michel cheval„ „lier de Lorimier als kommandant bij het baltaljon koet„ lie late litahil ende twee Fransche Luitenants Pierre „jon met levebattal zijn deeren van den de koning van koeltiem - 88. 95. 90. 95. De „ - – – „ 3. - – — - _o- - . „ 2. - - - - - - - 112. De 12 - - . . - .. 127. 60 121. 90. - -- 77
English
62 Mr. Moens servant distribution of the to divide into battalions resolution to fortify, the captains Brohier and Tornbaur, regarding the retrenchment taken; That this in itself is already a very great reinforcement, by which the enemy [illegible] be, but that their current pay is far too low to demand the same services from them as from the sipahis, and it was accordingly resolved to bring the sipahis up to full strength to two Battalions, but to establish another Battalion of the Christians, and to add to them, with their current pay, two parras of Neli per month. Also, on the advice of the Honorable Mr. van de Graaff, and of several officers, the report of the aforementioned Commissioned officers, regarding the necessary number of officers with the European Militia, and the posting of European officers with the Native troops, has been taken into consideration, that the officers are the Soul of the whole military service and that the common soldier, without being led by an adequate number of the same and kept to especially of the native troops in the war little good is to be expected, if they are not led by Europeans, for which reason the English, who accomplish almost the same with their sipahis what others do with Europeans, place among them a multitude of European officers and non-commissioned officers, whereby the Honorable the opinion of the Hon. Mr. Moens was already moved in the Year 1780 to appoint to each company of sipahis a European officer as commander and two European non-commissioned officers as Drillmasters, as appears from a separate secret missive to the Honorable Supreme Government of the Dutch Indies of the 27th of October 1780, in which his Honor stated regarding the Christians and Topasses that he wished to wait with that until he was authorized thereto by their High Mightinesses, unless circumstances in the meantime might make such an arrangement unavoidable, in which case his Honor would his duty to be kept, is of very little use, that in [illegible] a European subaltern officer as well as a European non-commissioned officer as drill- The 11th of April 1782. proceed to do so without, through a mistaken scrupulousness, neglecting what is necessary, under the pretext of waiting for orders first. That one currently finds oneself in such pressing circumstances, that all that which is deemed serviceable and necessary for the reinforcement, defense, and preservation of this fortress, must immediately be put into effect, and consequently also the necessary augmentation of officers should take place without delay, without, as is otherwise dutiful, waiting for the approval and approbation of the Honorable Supreme Government of the Indies. And the sipahis and Christians it was accordingly approved and agreed by unanimity of votes, that the Sipahis and Christians ought immediately to be divided into Battalions and over each Battalion a European Captain over each battalion a as commander and with each company a European subaltern master to be appointed. officer and a drillmaster And proceeding thereupon to the necessary appointment and distribution of the required officers: the Lord Commander showed that, according to the proposal of the aforementioned Hon. Major and further Commissioned officers, the following officers were needed, besides the sub-staff. For the Grenadier company 1 Captain 1 Lieutenant and 2 Ensigns staff company 1 ditto 1 ditto 2 ditto two Ceylonese companies 2 2 4 Topasses company 1 1 2 one battalion of Christians 1 1 2 Thus together 8 Captains 8 Lieutenants and 22 Ensigns two battalions of sipahis 2 2 8 ditto company of Malays — — 2 to place the third with the newly established company of Topasses, the French Captain Louis Alexander Michel Chevalier de Lorimier as commander with the battalion of [illegible] of the places of arms in the covered way, taking into consideration those French officers 1 11 8 Neli trenching of the covered way to grant to the same concerning native troops. same officer and a drillmaster 1. 1. The 11th of April 1782. to remain to place 1 . 61 77
Dutch transcription
62 H:r Moens dienaar repartietie van de in battaljons te verdeelen besluit tot het fortifi„ den Kapitains Brohier en Tornbaur, nopens het retrancheeren genomen; Dat dit opzich zelve reets eene zeer groote versterking is, waar door de viiand rest P.t zijn, doch dat hun tegenwoordig traktement al te gering is, om van hen dezelfde diensten te vorderen, als van de sipatis, en werd dienvolgende beslooten, de sipahis tot twee Battaljons toe voltallig te maaken, doch van de kristanten noch een Battaljon op te richten, en aan dezelven, bij hunne tegenwoordige gasie, 'smaands twee parras Neli toetevoegen. ook is, op het advis van den Edelen Heer van de Graaff, en van meer offitiens. het bericht van de meermelde Gekommitteerde officiers, no„ „pens het noodige getal van officieren bij de Europeesche Miliet„ sie, en het plaatsen van Europeesche officiers bij de Jnlandsche troepen, in aanmerking genomen, dat de officiers de Ziele zijn van den heelen militairen dienst en dat de gemeene soldaat„ zonder door een toereikend getal van dezelven aangevoerd en tot „derheid van de inlandsche troepen in den oorlog weinig goeds te wachten is, als zo niet van Europeeschen bestierd worden, weshalven de Engelschen, die met hunne sipatis bij na het zelve uitrichten, wat anderen met Europeeschen doen, bij dezelven een meenigte Euro„ „peesche officiers de onder officiers plaatsen, waar door de Edele 't gevoelen van den Ed: Heer Moens reets in 't Jaar 1780. is bewogen, om bij ieder kompanie sipatuis eenen Europeeschen officier als kommandant en twee Europees „sche onder officiers als Doilmeesters aantestellen, blijkens aparte sekre „te missive aan de Edele Hoog Regeering van Nederlands Jndien van den 27. ' oktober 1780., waar bij zijn Edele nopens de kastanten en sjegos aangehaald heeft, dat hij daar mede wilde wagten, tot dat hij daar toe van hunne Hoogedelheeden gequalificeerd wierd, ten waare de omstandigheeden midde lerwijle eene zoodanige inrichting mogten onvermijdelijk maaken, in welk geval zijn Edele daar zijn plicht gehouden te worden, van zeer weinig nut is, dat inzon een himpephe subalti teene officier mitsgaders een Europeesche onder-officier als wil„ Den 11' April 1782. toe treeden zoude zonder door eene verkeerde scrupuleus, „heid het noodige te verzunnen. onder pretext van eerst order te verwachten. Dat men zich thans in zoo dringende omstandig„ „heeden bevindt, dat al 't geen dienstig en noodig geoordeeld word, tot de versterking verdeediging en behoudenis van deeze vesting, ten eersten moet in het werk gesteld worden, en mits dien ook de noo„ „dige augmentaatsie van officiers zonder verzuim diend te geschie„ „den, zonder, zoo als anders plicht maatig is, het goedvinden ende approbaatsie der Edele Hoog Regeering van Judien aftewachten. En de sepatis en kristanten werd dien volgende met een paadigheid van stemmen goedgevonden en verstaan, dat de Sipatris en kristanten ten eersten behooren in Battaljons verdeeld en over ider Battaljon een Europeesche kapi„ over ider battaljom een tain tot kommandant en bij eek komp: een Europeesche subal„ „meester aangesteld teworden. En hier op getreeden zijnde tot de noodige aanstelling en repartiet „sie van de vereischt wordende officieren: zoo vertoonde de Heer kommandeur, dat volgens den voorstel van meerm: E: Mgoor en ver„ „dere Gekommitteerde officieren de volgende officieren noodig waaren buiten den onder staf. ƒ Bij de Granadier komp:e 1. kapitain 1. Luitenand en 2. vaandrigs „ „ staff kompanie 1. d=o 1. do „ 2. d=o „ twee Ceilonsche komp:e 2- - „ - - 2 - „ — „ 4. „ „ Toepaessen komp:e 1. - „ 1. . - „ „ 2. „ een battaljon kristanten - - 1. . „ 1. . . „ „ 2. Dus tezaamen 8. kapitains 8: Luitenants en 22. Vaandwigt „ twee battaljons sipatis. 2. - . „ 2. „ — – „ 8. „ d=o komp: Maleijers —. —. —. —. —. 2. „ den derden bij de nieuw opgerichte kompanie Joepas te plaat„ e „lier de Lorimier als kommandant bij het baltaljon koet„ van de wapenplaatsen in den bedekten weg, in aanmerking die fransche officias sen, den franschen kapitain Louis Alexander Michel cheval„ 1 „ „ 11 „ 8: „ Nei „ceeren van den bedek„ ten weg aan dezelvent toe te leggen. inlandsche trapen „gaande. — zelve officier en een drilmeester 1. 1. „t Den 11.' April 1782. verblijk te plaatsen 1 . 61 77 „
English
62 The 11th of April 1782. decision regarding the reports of Captains Brohier and Tornbauer regarding the retrenchment taken; that this in itself is already a very great reinforcement, by which the enemy is put to a disadvantage. However, in his opinion, no officers from this garrison should be placed with the Ceylon company instead of those who had departed on leave for Ceylon, before this matter had been corresponded upon with the Noble Lord Falck, as the command over it could be assumed ad interim by the staff captain of the major's company, and that use could be made of a French captain and two French lieutenants, who had arrived here from the Islands and presently had no opportunity to reach Coromandel, for as long as they had to remain here, provided they were paid monthly from the Company's treasury, as long as they served, as much as the Company's officers of their rank enjoyed; that Captain-Military Frederich von Sauer, who had arrived here overland from Europe, should also be employed with the troops, which could not be done in the case of Captain Tornbauer, because the supervision of the fortifications had been assigned to him, and the Lord Commander also intended to employ him as an engineer in the upcoming siege; and that only three captain-lieutenants, five lieutenants, and fifteen ensigns would then be needed. Whereupon, after deliberate consideration, it was judged with unanimity of votes to be absolutely necessary, and consequently approved and agreed: to appoint Captain von Sauer as commander with the first battalion of sepoys; to appoint the three eldest lieutenants of the garrison, Godlieb Georg Gebhoud, Jakob Bernhard Weinsheimer, and Justinus Andreas Nachtrob, as captain-lieutenants; and to place the first with the staff company, the second with the second battalion of sepoys, and the third with the newly formed Topas company; taking into consideration the three French officers, to appoint the French Captain Louis Alexander Michel Chevalier de Lorimier as commander with the battalion of Cochin sepoys, and the two French Lieutenants Pierre Burquez and Jean Louis Chasteigner de Paradis with two native companies; and further to appoint the Ensigns Jan George Muller, Johan Andries Lintzer, Wilhelm Krans, Louis van Mander, and Johan Fredrik Andre as lieutenants; and the sub-adjutants Daniel Bakker, Johannes Nikolaas Bisschop, together with the sergeants Fredrik Vrijter, Gerrit van der Voort, Jakob Reemer, Gerrit Hernink, Koenraad Stelling, Hendrik de Leder, George Wilhelm Frikke, Pieter Jozeph de Kant, Johan Kasper Schoeman, Frans Willem Sonboon, Jurg Taijllinger, Christiaan David Milius, and Johan Ernst Faber as ensigns; and the non-commissioned officers Jakob Keizer, Jan Adolf Alles, Nikolaas Roose, and Jan Baptist Coint as sub-adjutants of the places of arms in the covered way. Also, for the good reasons given in the aforementioned report and the evident necessity of more officers in the artillery, it was approved and agreed to appoint Lieutenant Jakob Kraus, to whom the supervision of the ammunition house and the powder magazines, together with the provisional command over the artillerymen, was entrusted in the session of the 19th of July 1781, now, due to the continued indisposition of the Captain-Lieutenant and Commander of that department, Johannes van Asbeek, as Captain-Lieutenant and Commander of the Extraordinary Artillery.
Dutch transcription
62 Den 11. ' April 1782. verblijk te plaatsen provisioneele bevorde„ besluit tos tet otiti den kapitains Brohier en Tornbaur, nopens het retrancheeren genomen; Dat dit opzich zelve reets eene zeer groote versterking is, waar door de vijand gesteld word beit Doch dat men zijns oordeels, bij de ceilonsche kompanie geene Officiers uit dit garnisoen behoorde te plaatsen, in steede van de gee„ „nen, die met verlof naar Ceilon vertrokken waaren, voor dat daar over met den Edelen Heer Falik zoude weezen gekorrespondeert, kunnende het kommando daar over adinterii door den stafs kapitain van smajoors kompanie waargenoomen worden, en dat men van een franschen kapitain en twee fransche Luitenants, die van de Eilanden hier gekomen waaren, en thans geene geleegenheid hadden, om naar kormandel te geraaken, zoo lange zoude kun„ „nen gebruik maaken, als zij hier moesten blijven mits aan dezelven uit 's komp:s kassa maandelijx, zoo lange zij dienst zouden doen, zoo veel betaalende, als 'skomp:s officiers van hun karacter genooten; Dat men den kapitain Militair Frederich von Sauer, die overland uit Europa hier gekoomen wat almede bij de troepen behoorde te emploieeren, het welk omtrend kapitain Tornbauer niet kost geschieden, door dien aan denzelven het opzicht over de fortifikaatsien opgedraagen was, en de Heer kommandeur in de aanstaande beleegering hem als Jngenieur meede te gebruiken en dat men als dan slechts drie kapitain- Luitenants, vijf Lui„ „tenants en vijftien vaandrigs zoude noodig hebben. - waar op met aandacht gedelibereerd zijnde. zo is met een paarigheid van stemmen volstrekt noodig g'oordeeld en dien volgende goed „mandant bij de gevonden en verstaan, Den kapitain voor sauer als komman „dant bij het eerste battaljon sipatis te plaatsen, de drie oudste Luitenants van het garnisoen, Godlieb Georg Gebhoud, Jakob Bornhard Weinsheimer en Justinus Andreas Nachtrob eij set tot kapitain Luitenants aante stellen; en den eersten bij de staf kompanie, de tweeden bij het tweede battaljon sipalus en Ook is, om de daar van bij 't gemelde bericht gegeevene „ringen bij d'artillerij goede reedenen en de baarblijkelijke noodzaakelijkheid van meerdere officiers bij de Artillerij goedgevonden en verstaan den Luitenant gakob kraus, aan wien ter sessie vonden 19. ' Julij 1781. het opzicht over 't ammonietsie huis en de kruit„ magazijns mitsgaders het kommando over de Artilleristen pro„ „visioneel is opgedraagen als nu, mits de aanhoudende in dis„ „posietsie van den kapitain Luitenant en kommandant van dat departement Johannes van Asbeek aanstellen tot kapitain Luitenant en kommandant der extra Ordinair den derden bij de nieuw opgerichte kompanie Joepas te plaat„ „lier de Lovimier als kommandant bij het baltaljon koet„ siemsche sipahis en de twee fransche Luitenants Pierre Burquez en Jean Louis chasteignea de Paradis bij twee inlandsche kanpanien te plaatsen, en voorts de vaandrigs Jan George Muller, Johan Andries Lintzer, Wilhelm luiten gents. Krans, Louis van Mander en Johan Fredrik Andre tot Luitenants mitsgaders de onderadjudanten Daniel Bakker, Johannes Nikolaas Bisschop, mitsgaders de ferjanten Fredrik Jrijter, Gerrit van der voort, Jakob Reemer, Gerrit hernink, en vijftien vaandrigs Koenraad stelling, Hendrik de Leder, George wilhelm Frikke, Pieter Jozeph de Kant, Johan Kasper Schoeman Frans willem Sonboon, Jurg Taijllinger, Christiaan David Milius en Johan Ernst Faber tot vaandaigs, mits„ mitsgaders vier onder„gaders de onder officiers Jakob Keizer, Jan Adolf Alles, Nikolaas Roose en Jan Baptist coint, tot onder-adjudanten van de wapenplaatsen in den bedekten weg, in aanmerking drie fransche officieas sen, den franschen kapitain Louis Alexander Michel cheval„ aantestellen. — weg dt adjudanten. den Luitenant 77
English
63 The 11th of April 1782. ordinary Lieutenants, the extraordinary fireworkers Jan Diederik Pas and Karel Lodewijk Godlob Krause to ordinary fireworkers, the Bombardier Adriaan Snell, and the Cannoneers Pieter Elstendorp and Jan Jakob Greesing, as having the greatest competence for it, to extraordinary fireworkers, and respectfully to implore the Noble High Indian Government to favorably approve these appointments, as being made out of pressing necessity and for the preservation of this fortress. It was also, on the proposal of the Lord Commander, approved and resolved to favorably nominate the Master of the Equipage Johannes van Blankenberg to their High Excellencies for promotion to skipper, and meanwhile to grant him the title and rank, since an Equipage Master at this time, when one expects foreign and own warships and entire squadrons, must at least have some standing in order to be properly employed in his department. Gratuity to the Battalion Officers. Since, according to the separate secret missive of the 27th of October 1780 cited above, twenty rupees per month were allocated to the European subaltern officers serving with the native troops, which have also been provided up to the present: it is judged equitable and consequently resolved to continue doing so, as well as in proportion thereto to allocate fifty rupees per month to the Captain Commandants of the battalions each as a gratuity. For maintaining communication between the main fortress and the covered way, twelve pontoons being needed, each consisting of three manchuas, it was, in consideration of the fact that half-worn manchuas or such as are made of bad wood and cost thirty to thirty-five rupees constantly need to be repaired and perish within a short time, whereby an accident could sometimes occur during the crossing of personnel or cannons, but that sturdy and new manchuas of angelica wood can not only be used with peace of mind and endure the war, but after the same can still be sold again at a moderate loss, approved and resolved to have thirty-six new manchuas of virtuous angelica wood purchased at fifty or fifty-five rupees apiece. To appoint Lieutenant Andries van Lijk to ordinary Lieutenant, the ordinary fireworkers Johan Hendrik Voogt and Leopold Beeger to Captain Lieutenants, Bernhard Weinsheimer and Justinus Andreas Nachtrob to Captain Lieutenants; and the first to the staff company, the second to the second battalion of sepoys. Lastly, the Lord Commander communicated that in repairing and getting the old gunpowder mill running, for which a resolution was taken at the session of the 19th of July 1781, much adversity had been encountered because the whole machine, from the beginning, did not appear to have been constructed in the best manner, and had now become so old and dilapidated that it constantly had to be repaired, whereby the work had come to a standstill from time to time, and that the powder that had come from it was also found to be of only middling quality, propelling scarcely sixty feet high notwithstanding that the sulfur and saltpeter were refined with the greatest care, which latter defect seemed to be attributed to the bad construction of the blocks and pestles of the old mill; That therefore a trial had been made to have the gunpowder pounded in hand blocks by coolies in the manner of the natives, for which up to now eight blocks were used.
Dutch transcription
63 Den 11. ' April 1782. andan krit mnooll ordinair Luitenants, de Extra ordinair vuurwerkers Jan Die„ „derik Pas en Karel Lodewijk Godlob Krause tot ordinair vuurwerkers, den Bombardier Adriaan Snell, en de Kanonias Pieter Elstendorp en Jan Jakob Greesing, als daar toe de meeste bequaamheid hebbende, tot extra ordinaire vuurwerkers aan„ van oe we oogebrat it stellen en d' Edele Hooge indische Regeering eerbiedig te implotje „ren dat deeze aanstellingen, als uitdringende noodzaaklijkheid en tot behoudenis van deeze vesting gedaan zijnde gunstig te willen approbeeren. i mees„ Ook is, op de proposietsie van den Heer kommandeur Goedgevonde de titel en rang van en verstaan den Equipagiemeester Johannes van Blankenberg vergrooting van de aan hunne Hoogedelheeden ter bevordering tot schipper gunstig voo te draagen, en hem middelerwijle den titel en rang toetevoegen, alzoo een Equipagiemeester in deezen tijd daar men vreemde en eigene Oorlogs scheepen en heele Esquaders te wagten heeft, ten minsten medooor dragstrangde eenige qualiteit diend te hebben, om in zijn departement behoor lijk gebreikt te kunnen worden. — Douceur aan de Battal„ Aangezien blijkens voorwaards geciteerde oparte sekreete oficeide e meuse missive van den 27. ' oktober 1780. aan de Europeesche subalter „ne officiers bij de inlandsche troepen twintig ropijen smaand zijn toegelegt, die ook tot nu toe verstrekt worden: zoo is billijk geoordeeld en dienvolgende beslooten om daar bij te blijven kon„ „tinueeren, mitsgaders eevenreedigheid van dien aan de kapitain kommnandanten van de battaljons ieder vijftig Ropijen smaand tot een douceur toeteleggen. „Tot het onderhouden van de kommunikaatsie tusschen de hoofd Luitenants van het garnisoen, godliet georg georwoor ger Bornhard Weinsheimer en Justinus Andreas Nachtrob„ tot kapitain Luitenants aante stellen; en den eersten bij de staf kompanie, de tweeden bij het tweede battaljon sipalus en tot kapitaan lu stoo Mansjouws of de zulkens, die van slegt hout gemaakt worden en dertig tot vijf en dertig ropijen kosten geduurig moeten gerepareerd worden en binnen korten tijd vergaan waar bij men somwijlen noch bij 't overzetten van volk of kanons een ongeluk zoude krijgen kunnen, doch dat hechte en nieuwe Mansjouws van Angelika hout niet alleen met gerustheid gebruikt en den oorlog uithouden, maar na denselven noch weder met een maatig verlies ver„ „kocht kunnen worden, goedgevonden en verstaan sesen dertig nieuwe Mansjouws van deugdzaam Angelika hout tegen vijftig of vijfenvijftig ropijen 't stuk te laaten inkoopen. Laastelijk kommuniceerde de Heer Kommandeur, dat men bij het herstellen, en aan den gang helpen van de oude kruitmoolen waar toe besluit genomen is ter sessie van den 19' Juli 1781. veel tegen„ „spoed had, ontmoed door dien de heele machine, van den beginne of aan, niet naar de beste wijze scheen ingericht teweezen, en thans zoo oud en bouwvallig geworden was, dat 'er geduurig aan moest gerepareerd worden waar door het werk van tijd tot tijd was blijven steeken, en dat ook het kruit, het welk door van afgekoomen was maar van een middelbaare qualiteit was bevonden, als slaande nauwlijx sestig voeten hoog niet tegen„ „staande de Zwavel en salpeter met de meeste zorgvuldigheid geraffi„ „neerd waaren, welk laaste gebrek aan de quaade konstruksie van de blokken en stampers van de oude moolen scheen te moeten worden toegeschreeven, Dat men derhalven eene proeve had genoomen, om het kruit op de wijze van de Jnlanders, in handblokken, door koe„ lies te laaten stampen waar toe tot nu agt blokken gebruikt Luitenant Andries van lijk tot ordinaire Luitenant, de ordinairnqualisikastjie, tot het vesting, en den bedekten weg twaalff ponten noodig zijnde, bestaande vueurwerkers Johan Hendrik voogt en Leopold Beeger, tot extraou tot ponten in de ieder uit drie mansgouws zoo is, uitaanmerking, dot de half sleetene den „heeden. troopen. gebhand weensthrig „nouts. vesting waaren gracht. 77
English
were, as the number of coolies assigned to the gunpowder mill did not extend any further, and also the kettle, pans, cooling vats, and the further equipment for refining the saltpetre could furnish no more material, and that the powder obtained therefrom had in repeated tests in the presence of the Honorable Mr. van de Graaff and of him, the Commander, carried far over one hundred feet; but that with the present scale of operations no more than 2000. lb: per month could be manufactured, for which reason His Honor had caused a report to be drawn up on how this establishment should be expanded and enlarged in order to be able to make two hundred pounds daily, or after deduction of 5. p:r C=to for spillage, dust, and grit, 190. lb: of powder, which reads as follows. To the Right Honorable Honorable Mr. Johan Gerard van Angelbeek, Commander and Supreme Ruler of the Malabar Coast, with the dependencies thereof Right Honorable Honorable Commanding Sir. Pursuant to your Right Honorable highly esteemed order, the undersigned has taken into consideration what might further be needed for the service of the gunpowder mill beyond what is already in use there, in order to keep the powder manufacturing in operation and to be able to make 190. lb: of gunpowder daily. First of all The large drying stage upon which the powder is dried must be rebuilt and provided with good planks, as well as with an olas roof and all around with flaps of bamboo mats against the rain. 1. p:s copper kettle, four feet in diameter at the top and 3. feet deep, for refining saltpetre 2. p:s copper cooling pans for solidifying the saltpetre 4. copper skimmers with iron handles 2. d=o shovel heads 6. wooden shovels for stirring 1. d=o cooling vat with its spigot, measuring 3¼. feet in diameter at the top and 4¼. feet at the bottom 1. wooden gutter to drain the saltpetre 2. d=o tubs at 3½. feet high, 3. feet wide at the top, and 2½. v:t at the bottom 2. carrying tubs 1. water bucket 3. rubbing tables 9. d=o rubbers 12. drying trays 6. mortar blocks in which the powder must be stamped 14. pestles 1. corning sieve frame 36. doub: sieve rims 12. hair sieves 36. drumskins for corning sieves 6. large domestic brushes of pig bristles to sweep the material together therewith. 64. common rice winnowing fans to winnow the dust from the powder. For processing the above-specified quantity of pounds of gunpowder, in addition to the twenty-four coolies who are already busy with powder making and saltpetre refining, another twenty-six will be required, so that fifty coolies must be put to work daily, as follows: 24. coolies for stamping 12. d=o at 6. rubbing tables 8. at 3. charcoal boxes 2. to carry the drying trays up to and down from the drying stage and to turn the powder. 4. coolies to refine saltpetre and burn charcoal. Wherewith I hope to have fulfilled your Right Honorable highly esteemed order to satisfaction, and take the liberty to call myself with all respect, [underneath stood:] Right Honorable Commanding Sir! Your Right Honorable's humble and obedient servant [was signed:] J=b Kraus [in the margin:] Cochin the 3rd of April 1782. Whereupon the Mr. Commander continued that, in view of the heavy workload in the Company's carpentry workshop, he had investigated whether the necessary equipment, such as powder trays, blocks, and pestles, rubbing woods, and tables could not be made by private carpenters, and that he had found that this could be done for a small amount of money according to an estimate, which being read aloud was found to run as follows. Estimate of what is needed for the service of the Gunpowder Mill, to wit: 1. p:s corning frame in wood and workmanship rop:s 2. —. 14. wooden pestles at ¾ rop:s each - - - 10½. 12. powder trays at 3 — 36. —. 6. mortar blocks at 2. ½. 15. — Carried forward rop: 63½ Carried forward rop: 63½ 9. p:s rubbing woods at 1/5 rop: each - - - - 1: 2/5: 3. rubbing tables at 6.½. 21:½ /9: 86 2/5 For making an ola roof over the table for drying powder, as follows: 150. — p:s long bamboos at 20. rop:s per 100 p:s rop:s 30. = 450. – bundles of coconut leaves at 5. per 100. bundles 22½. 20. — coolies for 8 days at 1/10 per each - - 16. —. 1. – Mukkuvan - - 1/5. 1 3/5. 70. 3/10. 156 3/10 For building a furnace, for bricking in a saltpetre kettle - - - - - - - - 32. — rop:s Sum rop: 188 3/10. From the warehouse: 60. – lb: nails Cochin the 4th of April 1782. [was signed:] J=s van Verberg. And taking into consideration that all possible means must be employed to increase the supply of gunpowder; that the expenses for the necessary wooden equipment are very moderate; and that the further scale of operations will likewise not cause great expense, which will moreover be richly compensated by the larger quantity of powder; and consequently, after mature deliberation, it was approved and agreed to carry out that enlargement of the gunpowder mill at once. And whereas no copper is in stock for this in the warehouses, nor is it available for purchase from private parties, it was, upon the further proposal of the Mr. Commander, approved and agreed.
Dutch transcription
waaren, alzoo het voor de kruitmoolen bepaalde getal koelies niet verder strekte, en ook de ketel, pannen, koelvaten en het verder gereed, „schap tot het raffineeren van de salpeter geen meer spectsie konden fourneeren, en dat het daar van gekoomene kruit bij de herhaalde proeven in tegenwoordigheid van den Edelen Heer van de Graaff en van hem kommandeur verre over de honderd voeten geslaagen had; doch dat met den tegenwoordigen omslag niet meer dan 2000. lb: smaands kostvervaardigt worden, weshalven zijn Achtbaare een bericht had, laaten opmaaken hoedanig deeze aanstalt zoude moeten uitgezet en vergroot worden om dagelijx twee honderd ponden of na aftrek van 5. p:r C=to voor spillagie stof en gruit. 190. – lb: kauit te kunnen maaken, luidende het zelve als volgt. Aan den weledele Achtbaar Heer Johan Gerard van Angelbeek, kommandeur en oppergebieder der kuste mallabaar, met den resorte van dien Weledele Achtbaare welgebiedende Heer. Ingevolge uw wel edele achtb: hoog g'eerde ordre heeft den onder„ „geteekenden in overdenking genomen wat ten dienste van de kruit moolen boven 't geen reets aldaar in 't gebruik loopt, noch mogt noodig weezen, om 't kruit maaken aan de gang te houden, en dagelijx 190. lb: buskruit te kunnen aanmaaken voor eerst Dient de groote droog stelling waar op 't kruit gedroogt word opgenoomen en met goede planken, ook met een olas- Luitenants van het garnisoen, godtiet georg geoorvo, pon„ Bornhard Weinsheimer en Justinus Andreas Nachtrob tot kapitain Luitenants aante stellen; en den eersten bij de staf kompanie, de tweeden bij het tweede battaljon sipatus en gebhand weenstheig naugpitain luite dak en rondom met klappen van bamboematten voor de reegen voorzien te werden. 1. p:s kopere ketel, boven van vier voet, in diameter en 3. voet diep tot het raffineeren van salpeeter 2. p:s kopere koel - pannen tot het stollen van de salpeter 4. „ kopere schuim leepels met ijzere steelen 2. „ d=o schop koppen 6. „ houtte schoppen om omte roeren 1. „ d=o koelvat met zijn kraan in diarmeeter van boven 3¼. voet, van onder 4¼. voet 1. „ houtte goot om de salpeter te laaten afloopen 2. „ d=o balies à 3½. voet hoog van booven 3. en van onder 2½. v:t wijd 2. „ „ draag balies 1. „ „ water emmer 3. „ „ vrijf tafels 9. „ „ d=o houten 12. „ „ droog bakken 6. „ „ stamp-blokken waar in 't kruit gestampt moet werden 14. „ „ stampers 1. „ „ korrel raam 36. „ „ dubb: zif randen 12. „ „ haare ziften 36. „ „ trom vellen tot korrel ziften 6. „ „ groote vaderlandsche schuijers van varkens borsels om de specie daar meede bij malkaar te velgen. 64. „ Gemeene vijs wannen om 't stof van 't kruit uit te wannen, Tot het bearbeiden van de boven gespecificeerde quantiteit ponden buskruit diend noch boven de vier en twintig koelies, die reets aan Den 11. April 1782. den dak wve stoo 77 Den 11 ' April 1782. 't kruitmaaken en salpeter raffineeren bezig zijn noch ses en twintig teweesen, alzoo dat 'er dadelijks vijftig koelies aan het werk moeten gesteld werden, als: 24. koelies tot 't stampen 12. d=o aan 6. vrijf taffels 8. „ „ „ 3. kool kisten 2. „ om de drooge bakken van de droog stelling op, en neer te draagen en 't kruit te keeren. 4. koelis om sulpeter te raffineeren en koolen te branden Waarmeede verhoope uw weledele Achtb: hoog g'eerde ordre ten genoegen volbragt te hebben, en mij met alle eerbied bevrijmoedige tenoemen /:onderstond:/ Weledele Achtb: welgebiedende Heer! uw wel edele achtb: onderdanige en gehoorsame dienaar /was ge„ „teekend:/ J=b Kraus /:in margine/ korthiem den 3 April 1782. Waar na de Heer Kommandeur vervolgde dat hij uit aanmer„ „king van het menigvuldige werk op 's komp:s timmerwinkel had onderzocht of het noodige gereedschap als kruitbakken blokken en stampers vrijfhouten, en tafels niet door partikuliere Timmerlieden kostgemaakt worden, en dat hij bevonden had dat zulx voor gering geld kost geschieden volgens een kalk laatsie die opgeleezen zijnde bevonden werd aldus te luiden. Kalkulaatsie van 't geen Benoodigt is, ten dienste van de Kauit Moolen teweeten: 1. p:s korrel Raam aan hout en maakloon rop:s 2. —. 14. „ houtte stampers à ¾ rop:s ider - - - „ 10½. 12. „ kruit bakken „ -3 — „ „ - - - „ 36. —. 6. „ stamper blokken „ 2. ½. „ „ — — —„ 15. — Transporteere rep: 63½ Luitenants van net geronvooot, op Bornhard Weinsheimer en Justinus Andreas Nachtrob tot kapitain Luitenants aante stellen; en den eersten bij de staf kompanie, de tweeden bij het tweede battaljon sipalus en gebhand weinshei„ tot kapitain luite Somma rop: 188 3/10. Koetsiem den 4. April 1782. /:was getekend:/ J=s vij verberg. En is ina aanmerking genoomen, dat men alle mogelijke middelen diend aantewenden, om den voorraad van buskruit te vermeerderen; dat de onkosten van het noodige houte gereed„ „schap zeer maatig zijn; en dat de verdere omslag meede geen groote kosten zal veroorzaaken, die buiten des door de ruimere quantiteit kruit rijkelijk vergoed zullen worden, en dien vol„ 1 „gende na rijpe deliberaatsie goedgevonden en verstaan die ver„ „grooting van de kruitmoolen ten eersten te laaten gevolg neemen. Den dewijl daar toe geen koper in de pakhuisen in voorraad en ook bij partikulieren niet te koop is: zoo is op de nadere proposiettie van den Heer kommandeur goedgevonden en P:r Transp:t vpser 3:½ p:s vrijf houten à - 1/5 rop: ider - - - - 1: 2/5: „ vrijf tafels „ 6.½. „ „ — — 21:½ /9: 86 2/5„ Tot het maaken van een ola Mandde boven de tafel, tot het droogen van Kruit, als: 150. — p:s lange bamboesen á 20. rop:s de 100 p:s rop:s 30. = 450. – bossen dekolassen - - - - „ 5. „ „ 100. bossen „ 22½. 20. — Koelies voor 8 daagen „ 1/10 „ „ ider - - „ 16. —. 1. – Mocqulden „ - - „ — 1/5. „ „ „ „ 1 17/5. „ 70. 3/10. 156 3/10 20p=s Tot 't maaken van een vermuls, tot het inmetselen 32. — van een salpeter ketel - - - - - - - - „ uit voorraad 60. – lb: spijkers den 1 77 verstaan
English
agreed to authorize the overseer of the smithy, Andries van Eijk, to purchase finished copper work from private individuals, and from it have the necessary kettles and pans made. Thus Done, Resolved, and Enacted in the Council of Malabar, in the city of Cochin, on the day, month, and year aforesaid. Was signed: J. G. van Angelbeek, R. v. Ham, J. von den Busch, N. W. Beits, J. L. van Spall, C. G. Seijffer, A. J. S. Vernede, J. A. Cellarius, W. van Hatten, and J. A. Dannichen. Lieutenants of the reserve, [illegible] Bernhard Weinsheimer and Justinus Andreas Nachtrob to be appointed Captain Lieutenants; and the first to the staff company, the second to the second battalion of sepoys and the same 1 8. Alleland set on fire. Agreed. Scaele Sworn Clerk 71 77 Lit. L Translation of a palm-leaf letter written by the King of Cochin to the Right Honorable Commander Johan Gerard van Angelbeek. Received on the 27th of April. I hear that the Right Honorable Director is now departing for Batavia; therefore I hope, Gentlemen, that your Right Honorable will have given him the necessary information concerning the disasters and troubles with which my realm is threatened. His Honor is an intimate friend of mine, and I expect that his Honor, upon his arrival in Batavia, will be pleased to make a proper report of all present matters to the Right Honorable Governor-General of the Dutch East Indies, and ensure that the necessary orders may be sent, both for the well-being of the Company's affairs and for ours. My endeavor is nothing other than to make the alliance between the Honorable Company and myself grow and increase more and more over time, and I trust that for the recovery of the Company's affairs and ours, a considerable force will arrive in Cochin shortly, upon which I await a favorable reply from your Right Honorable. Certified by His Highness. Below stood: For the translation, Cochin, date as above. Was signed: S. Tongeren. Having flattered ourselves with the expectation of a favorable reply to the letter sent by me and the Honorable Geeke to your Right Honorable on the 22nd of January past, a copy of which we offer herewith, and as the same has not yet arrived, urgent necessity has compelled us to make use of the authorization favorably obtained from your Right Honorable, both to pay off our debts here and to make good the further expenses that I am obliged to incur in this army, and to draw upon your Right Honorable the five thousand Mangalore pagodas requested in the aforesaid missive, which, after much effort, I have obtained at a discount of 7½ percent from the local banker Tosjokana Chankara Chittij, to be paid to his factor at Coimbatore, Balla Goernada Chittij or order, whether in houses on the island of Allelande had set on fire, and placed woodwork around the flagpole and thus set it on fire; that the said Prince finally to him 101 1782: 66 71 77 Malabar To the Right Honorable Johannes Gerardus van Angelbeek, Commander over the Company's important trade and establishment on the said coast, together with the Council, Cochin. Right Honorable Sir and Gentlemen. houses on the island of Allelande had set on fire, and placed woodwork around the flagpole and thus set it on fire; that the said Prince finally to him Agreed. J. Spall Sworn Clerk 71 77
Dutch transcription
verstaan den opsiender der smits winkel Andries vanEijk te qualificeeren om gemaakte koperwerken van partikulieren in te koopen, en daar uit de noodige ketel en pannen te laaten aanmaaken. Aldus Gedaan, Geresolveerd en Gearresteerd in Raade van Malabaar, ter steede Koetsiem, ten dage maand en Jaare voormeld /was getekend:/ J: G: van Angelbeek, R v Ham„ J: von den Busch, N: W: Beits, J: L: van Spall, C:G: Seijffer, A: J: S: Vernede, J: A: Cellarius, W: van Hatten en J: A: Dannichen. Luitenants van het geerevoir, hona an Machtas Bornhard Weinsheimer en Justinus Andreas Nachtrob tot kapitain Luitenants aante stellen; en den eersten bij de staf kompanie, de tweeden bij het tweede battaljon sipatus en zelve 1„ „ „„ 8. „ Alleland1 in den brand gestoo„ Akkordeerd. Scaele (Gez: klerk „nouts. den hem 71 77 La L Translaat-ola door den koning van Cochim gesch: aan den Weledele Achtb: Heer Kommandeur Johan Gerard van Angelbeek: andel ontfangen den 27=e April aad im Ik hoore dat den Weledele heer Direkteur thans naer Batavia vertrekt, derhalve hoope ik Heeren. dat Vweledele agtb: de nodige informatie aan zijn Weledele zal gegeeven hebben wegens de onheilen antwoord en moeielijkheeden waarmeede mijne rijk e Achtbaa„ gedrijgt worden. — zijn weled: is een Jntime vriend van mij en ik ben in die verwagting nuari pas„ dat zijn weledele met desselfs arrivement op den, en het Batavia een behoorlijke rapport van alle de hooge prezente zaeken aan de Heer Gouverneur weledele generaal van Nederlands Jndia zal gelieven te te maaken, te doen, en te bezorgen dat er noodige de verdere orders zoo tot welweezen van s' kom„ te doen „pagnies zaaken, als die van ons mogen s te trekken gesonden worden, mijne betragting is anders niet als de alliantsie nd Man„ tusschen de E kompagnie en mij hoe gewende „den ban„ langer tij g'obti„ Cetoer, Balla goernaoa Cnitty ofte ordre, betaald te werden, 't zij in huizen op het Eiland Allelande hadden in den brand gestoo„ „ken, en rondom de vlaggemast, houtwerken gelegt en dezelve dus in den brand gestooken; dat gem: Prins eindelijk aan hem tcomparte, n 101 den die 1782: — 66 71 77 langer hoe meer te doen aangroeien en toenemen, en vertrouwe dat tot recres van s' komp=s affaires, en die van ons een goede magt op koetsiem binnen korten komen zal, waarop ik een gewenscht antwoord van VWeled: agtb: verwagt. - getver: bij zijn Hoogh=t /onderstond / voor de Translatie / Cochim datum als boven, /was 8: Tongeren get / S: Ons geflatteerd, hebbende op een favorabel antwoord op mijn nevens den E: Geeke aan uweledele Achtbaa„ „rens afgezonden schrijvens van den 22. Januari pas„ sato, waar van Copia hier neevens aanbieden, en het zelve tot nog toe niet opdaagende heeft de hooge noodzaaklijkheid wij gedrongen om van uweledele Achtb: gunstig erlangde qualificatie gebruik te maaken, zoo om onze schulden hier aftelossen, als om de verdere ongelden die ik verpligt ben in deeze armee te doen goedmaaken, en op uweledele Achtbaarens te trekken de bij voorsch: missive verzogte vijf duizend Man„ galoorsche pagooden, welke ik na veele aangewende moeite met een rabat van 7½. perC=to van den ban„ „kier alhier Tosjokana Chankara Chittij g'obti„ neerd heb, om aan zijn faktoor te koimpoetoer, Balla Goernada Chittij ofte ordre, betaald te werden, 't zij in Mallabaar Aan den Weledelen Achtbaaren Heer Iohannes Gerardus van Angelbeek kommandeur over 's komp„s importanten handel en ommeslag ter gemelde kuste nevens den Raad Cochim Weledele Achtbaare Heer en Heeren. huizen op het Eiland Allelande hadden in den brand gestoo„ „ken, en rondom de vlaggemast, houtwerken gelegt en dezelve dus in den brand gestooken; dat gem: Prins eindelijk aan hem Akkordeerd. J Spall (Gezw: klerk rcomopere vn die tot den 71 77
English
71 that currency itself, or the value thereof in Venetian ducats or Surat rupees, with this express condition nevertheless that the money must be delivered at Palekadoe outside his risk. However reluctantly, I have been obliged to accept this disagreeable condition, since I could not obtain a bill of exchange otherwise, and the service of the Honorable Company in this constitution of times and affairs is in the highest degree concerned that Her Honor's credit here be completely preserved; praying Your Honorable Worship on that account to be pleased to cause the mentioned amount of 5000 Mangalore pagodas to be paid in a secure manner at the aforementioned place Palicadoe, and consequently to honor my mentioned bill of exchange with precise payment. The Honorable Mr. Geeke has been sent by the Lord Nabab to go via Tranquebar to Colombo, and to request the Right Honorable Lord Governor Falck to send the necessary ships and men to this coast in order to repossess the lost places of the Honorable Company. He departed from here overland on the 9th of this month. No firm report has yet been obtained of the battle between the French and English fleets, mentioned in our respectful letter of the 21st of February last, although the French claim the victory, one cannot well rely on it, but this is known for certain, that the English ships disappeared due to a storm that arose during the battle and the subsequent darkness of the night, without the French, who had sought them afterwards in vain, being able to trace the place of their retreat. The French are currently engaged in disembarking their brought-along troops etc. at Portonovo. I hope that our letters of the 15th and 27th of January, as well as the 2nd of February last, dispatched per the post of the Lord Nabab, will be duly delivered to Your Honorable Worships. While commending Your Honorable Worships and the Company's precious interests to God's protection, I call myself with all respect, /below was written:/ Right Honorable Lord and Gentlemen, Your Honorable Worships' humble and obedient servant, /was signed:/ Jan Daniel Simons /in the margin:/ In the Army of Bahadoer, the 16th of March 1782. /lower:/ P. S. In consequence of the insistence of the aforementioned banker, I request, when sending notice of the satisfaction of the bill of exchange, to attach one of Your Honorable Worships' lascars, to bring the news thereof hither. houses on the Island of Allelande had set on fire, and placed woodwork around the flagpole and thus set it on fire; that the aforementioned Prince finally to him there Cochin 68 77 inp Cochin To the Right Honorable Lord Johannes Gerardus van Angelbeek Commander over the Company's important trade and establishment on the Malabar coast, etc. etc. Right Honorable Lord. My indisposition for a month and a half past, from which I have just recovered, as also the painful grief over the untimely death of my two beloved brothers Jacob Simons at Madras and Isaak Reinier Simons here within a period of not yet two and a half months, has deprived me of the happiness and pleasure of writing to Your Honorable Worship in particular, but I hope to satisfy myself regarding that shortly and to impart to Your Honorable Worship the received reports from Nagapatnam. Meanwhile I trust that my letters of the 12th and 31st of January will be delivered to Your Honorable Worship. According to a letter received today, the Nagapatnam castle is being tremendously fortified, and the British intend to defend themselves against the men of Bahadoer to the last man. Note: not against us or the French, who will open the campaign with the attack on Cuddalore. Mr. Bouthenot, commander of a French corps of both infantry and cavalry, has very much urged me to request from Your Honorable Worship a pair of good trumpets, whether brass or silver. I take the liberty of putting this into effect herewith, the cost being to be remitted with the greatest gratitude. I have the honor, with deep respect, to call myself, /below was written:/ Right Honorable Lord, Your Honorable Worship's very humble and obedient servants, /was signed:/ Jan Daniel Simons /in the margin:/ In the army, the 16th of March 1782. Today, the 17th of May 1782. Appeared before me, Adriaan Poolvliet, Bookkeeper and first clerk of police of this Malabar Commandment, in the presence of the witnesses to be named hereafter, Domingo Novais, former kanakappel in the Company's warehouse at Punnakayal, Komara Soeame, son of the Company's merchant at Manapad Jileanajagam Poela, Wanapen, former Aratchi at Manapad, and Moettoe Ravana, former Aratchi at Tuticorin, who, at the requisition of the Right Honorable Lord Johan Gerard van Angelbeek, Commander and Supreme Ruler of this coast, and through the translation of the junior interpreter Barend Bles, attest and declare: The first deponent declares that on the 22nd of February last, two hundred English sepoys from Tuticorin arrived at Punnakayal and asked him, the deponent, and the interpreter of Punnakayal whether there were any goods of the Company or of the Company's servants there; that he, the deponent, and the interpreter answered thereto that there was nothing, because in the month of July prior everything had been taken away from there to Tuticorin; that those English people, upon that statement of him, the deponent, and the interpreter, ordered to pass a certificate whereby they had to acknowledge that no goods of the Company nor of their servants had been left or were to be found there; which he, the deponent, and the interpreter have done; that subsequently on the 24th of February there arrived at Punnakayal six English gentlemen, among whom one as follows: houses on the Island of Allelande had set on fire, and placed woodwork around the flagpole and thus set it on fire; that the aforementioned Prince finally to him H. V. Spael Agreed. where said Clerk 77
Dutch transcription
71 die munt zelve, dan wel de waarde van dien in veni„ „tiaansche ducaaten of souratsche ropijen, met deeze uitdrukkelijke voorwaarde nogtans dat het geld, buiten zijn resico te Palekadoe moet bezorgd worden. Ik ben hoe noode ook verpligt geweest deeze onaangenaa„ „me Conditie te amplekteeren, vermits ik anders geen wissel heb konnen krijgen, en den dienst van DE: kom„ panie in deeze constitutie van tijden en zaaken ten hoogsten gelegen is, dat het crediet van Haar Edele alhier volkomen gekonserveerd werde; biddende uweledele Achtb: uit dien hoofde het gemeld bedraagen van 5000. Mangaloorsche pagooden op eene secuure wijze ter voorsch: plaatze Pali„ „cadoe te willen doen tellen en dienvolgens gemelde mij„ „nen wissel met preciese betaaling te vereeren. D' E Heer Geeke is door den Heer Nabab afgezonden om over Tranquebare naar kolombo te gaan, en den Weledelen Grootachtbaaren Heer Goeverneur Falck te verzoeken de noodige scheepen en volk naar deeze kust te zenden om de verloore plaatzen der E: kompagnie weder in bezit teneemen Hij is den 9. deezer van hier overland vertrokken. Men heeft tot nog toe geen vast berigt erlangd van het gevegt tusschen de fransche en Engelsche vlooten, vermeld bij onze eerbiedige van den 21. febr: Jongstleeden schoon de franschen de overwinning toeschrijven kan men egter niet wel daar op Eijfferen dog dit weet men zeeker dat de Engelsche scheepen door een onder het gevagt ontstaane onweder, en de daar op gevolgde donkerheid van de nagt verdweenen zijn, zonder dat de franschen die hen naderhand te vergeefs opge„ „zogt hadden de plaatse hunner retraite konnen nagaan De franschen zijn tegenwoordig bezig om hunne meede ge„ „bragte troupes etc: te portonovo te ontscheepen Ik hoop dat onse brieven van 15. en 27. Januari mitsgaders 2. fe„ „bruarij J:o Leeden per de post van den Heer Nabab afgegaan bij uweledele Achtb:s behoorlijk zullen besteld weezen. Terwijl ik uwelEd: Achtb: en 's komp„s dierbaare belangens in de bescherminge Godes beveelende met allen eerbied mij noe„ „me /onderstond:/ weledele Achtbaare Heer en Heeren uweledele Achtbaarens onderdanige en gehoorzaame Dienaar /:was getekend:/ J„n D„l Simons /:in margine:/ Jn het Leger van Bahadoer den 16. Maart 1782. /:lager:/ P: S: Jngevolge de instantie van den voorm: bankier verzoek ik bij het geeven van berigt der voldoe„ „ning van den wissel een uwer weledele Achtb: las„ „korijns bijtevoegen, om de tijding daar van herwaards te brengen. huizzen op het Eiland Allelande hadden in den brand gestoo„ „ken, en rondom de vlaggemast, houtwerken gelegt en dezelve dus in den brand gestooken; dat gem: Prins eindelijk aan hem daar Koetsiem 68 77 inp Koetchim Aan den Weledelen Achtbaaren Heer Johannes Gerardus van Angelbeek kommandeur over 's komp=s Jmparten handel en ommeslag ter kuste Mallabaar. &=a &r=a Weledele Achtbaare Heer. Mijne indispositie zedert een en halve maand herwaards waar van ik pas hersteld ben, zoo meede de smertelijke aandoening over het ontijdig overlijden van mijne twee geliefde broeders Jacob Simons te Madras en Isaak Reinier Simons alhier in den tijd van noch geen twee en een halve maanden; heeft mij van het geluk en genoegen beroofd, om aan uweled: Achtb: in 't bijzonder te schrijven, dog ik hoop eerstdaags daar omtrend mij zelven te voldoen en uwelEd: Achtb: de ontfangen Nagapatnamse berigten te bedeelen. ondertusschen vertrouw ik dat myne brieven van 12: en 31. Janu: bij uweled: Achtb: zullen besteld weezen volgens een brief heeden ontvangen, word het Nagapatnams kasteel ontzaggelijk versterkt, en de Britten zijn van voornee„ „mens zich teegen het volk van Bahadoer tot op den laasten man te verdeedigen. NB: niet tegen ons of de franschen, die de kompag„ ne zullen openen met het aantasten van koedeloer. De Heer Bouthenot kommandant van een cor franschen zoo wel Jnfanterij als kovallerij, heeft mij zeer geinsteerd om van uweledele Achtb: te verzoeken. Een paar goede trompetten 't zij kopere of zilvere: Jk neeme de vrijheid zulx bij deezen werkstellig temaaken zullende het kostende met de grootste dankbaarheid geremitteerd werden Jk heb de eere met diepen, eerbied mij te noemen /onderstond:/ weledele Achtbaare Heer, uweledele Achtb: zeer nedrige en gehoorzaame dienaaren /was getekend:/ J=n D=l Simons /in mar„ „gine:/ In 't leger den 16. Maart 1782:— Heden den 17:' Mai 1782.— kompareerden voor mij Adriaan Poolvliet Boekhouder en eerst klerk van polietsie dezes Mallabaarsen kommandements presend de na te noemene getuigen Domingo Novais geweezen kanakapel in 'skomp:s Pakhuis te Sonekail, komara Soeame, zoon van skompanies koopman te Manapaar Jileanajagam Poela, Wanapen geweezen Araatje te Manapaar, en Moettoe ravana geweezen Araatje te Jutukorijn, dewelke ter requisietsie van den weledelen achtb: Heer Johan Gerard van Angelbeek kommandeur en oppergebieder dezer kuste en door vertaaling van den ondertoek Barend Bles attesteeren en verklaaren De eerste attestant verklaard dat den 22. febr: J:o leeden twee Honderd man Engelsche Sipatus van Jutukorijn op Ponekail zijn gekoomen, en hebben hem attestant en den Joek van Ponckail gevraagd, of daar geene goederen waaren van de komp: of van 's komp:s dienaaren, dat hij Attestant en de Joek daar op hebben g'antwoord, dat daar niets wal, wijl in de maand Julio bevoorens alles daar van daan was weg gebragt naar Jutukorijn; dat die Engelsche volkeren op dat gezegden van hem attestant en den tolk hebben g'ordonneerd een bewijs te passeeren, waar bij zig bekennen mosten, dat geene goederen van de komp: noch van hunne dienaaren aldaar gelaaten noch te vinden waaren; 't geen hij attestant en de tolk heb¬ „ben gedaan, dat vervolgens den 24. febr: op Ponekail waaren gekoomen ses Engelsche Heeren, waar onder een als volgd: huizen op het Eiland Allelande hadden in den brand gestoo„ „ken, en rondom de vlaggemast, houtwerken gelegt en dezelve dus in den brand gestooken; dat gem: Prins eindelijk aan hem H V. Spael Akkordeerd. waar gez: Klerk 77
English
where he, the deponent, recognized them, namely the Paymaster of Paliankotta Mr. Light, to whom the people who had arrived two days earlier said that, according to the people present there, nothing belonging to the Company nor to their servants was to be found there. That thereupon the said gentlemen had the door of the warehouse broken open, and finding nothing inside, subsequently also had the house of the Resident and that of the second-in-command broken open, in which likewise finding nothing, they had subsequently gone to the flagpole and had it cut down, and afterwards gave orders to remove all the doors and windows of the buildings, to break them to pieces, and to send the iron coming from them to Paliankotta, as indeed happened, after which those gentlemen departed that very evening for Tutukorijn, taking with them all the people, except for fourteen sipatus who were left there. Furthermore, he, the deponent, declares that on his journey hither, arriving at Manapaar, he found there the Prince of the Parroas of Tutukorijn named Domn Gabriel Waas Gomes, who related to him, the deponent, that at the end of the month of January the Chief of Tutukorijn, Mr. Mekeris, had summoned to the castle of Tutukorijn the Kattabomman, who had arrived there on 3 February, to whom the Chief had said that orders had come from Colombo to surrender Tutukorijn, along with everything belonging to it and found within it, to him, the Kattabomman, and that he, the Chief, had to depart for Colombo with the Company's people, except for an orderly sergeant, twelve topasses, and twelve sipatus, who were to remain there and have with them a Company's flag and a writing, in order to show the same to the English in case they should arrive there. That the Kattabomman, as soon as he had heard this news from the Chief, had ordered his people to just take away whatever was in the house of the Chief, as they also did; that thereupon the Chief at eight o'clock in the evening had his desk carried away to the house of the second-in-command, and subsequently at eleven o'clock went into the sloop and had departed for Colombo, leaving behind the First Resident of Manapaar, the Junior Merchant Keunman, to pack the remaining linens of the Company, who had then also followed with them on 5 February. That he, the Prince, on the same evening that the Chief embarked for Ceylon, had also departed for Manapaar, and that the Kattabomman had also left then, but the next day in the morning had sent twenty-one balons and two dhonies to fetch all the Company's and private goods that were in the castle, as was also done, transporting with them among other things all the small cannons and ammunition goods to Patnamadoer, and because the large cannons could not have been transported with them, they had been carried away overland until 19 February aforesaid, when the English arrived, had set fire to houses on the island of Allelande, and had placed woodwork around the flagpole and thus set it on fire; that the said Prince finally to him was 77
Dutch transcription
waar die hij attestant kende, naamlijk, de Paijmeester van Paliankotta M:r Light, aan dewelken, de twee dogen bevoorens gekoomene volkeren zeiden, dat daar niets, volgens zeggen van de aldaar zijnde menschen, van de komp: noch van hunne dienaaren waaren te vinden, dat daar op gem: Hteeren de deur van het Pakhuis hebben laaten openbreeken, en daar in niets vindende, vervolgens het huis van den Resident, en dat van de tweede ook hebben laaten openbreeken waar in insgelijx niets vindende, vervolgens gegaan waaren naar de vlaggestok en dezelve hebben laaten om verkappen en daarna order gegeven hebben, om alle de deuren en vensters van de gebouwen uitteneemen, aan stukken te bree„ „ken en het daar van koomend ijzer naar Paliankotta te zenden, zoo als ook geschiede, waar na die Heeren dien eigensten avond naar Tutukorijn zijn vertrokken, meede neemende al het volk, uitgenoomen veertien sipatus, die daar gelaaten zijn, voorts verklaard hij attestant dat in zijne herwaards reize op Manapaar koomende aldaar heeft gevonden den Prins der Parocas van Tutukorijn Domn Ga„ „baiel waas Gomes gen=t dewelke aan hem attestant ver„ haalde, dat in het laast van de maand Januari het opper„ hoofd van Jutukorijn de Heer Mekeris had laaten roepen in het kasteel van Jutukorijn, den kattoponaik, die den 3. febr: daar gekoomen was, aan wien het opperhoofd had ge„ „zegd, dat 'er ordre van kolombo was gekomen om Jutuko„ „vijn met al het geen daar bij gehoord en daar in te vinden was aan hem Kattoponaik over tegeeven, en dat hij opperhoofd naar kolombo vertrekken most met 'skomp:s volk, uitge„ „noomen een order serjant, twaalf toepassen en twaalff sepatris - die daar blijven en bij zich hebben zouden een 's komp:s vlag, en een geschrift, om ingevalle de Engelschen aldaar mochten komen dezelven aan hen te vertoonen, dat de katta„ „ponaik zoo dra hij die tijding van het opperhoofd had gehoord, deszelfs vook had g'ordonneerd om het geen in het huis van het opperhoofd was maar weg te neemen, zoo als te ook deeden dat daar op het opperhoofd savonds om agt uur deszelfs Lesse„ „naar had laaten weg draagen naar het huis van de tweede en vervolgens te elf uur in de sloep gegaan en naor kolom „bo vertrekken was achterlaatende den Eersten Resident van Mandpaar den onderkoopman keunmann om de noch ovoig zijnde lijnwaaten van de komp: afte pakken, die dan ook daarmede op den 5. febr: gevolgt was. Dat hij Prins den zelfden avond dat het opperhoofd zich naar Ceilon inscheepte ook naar Manapaan vertrokken wat en dat de kattaponaik toen ook weggegaan was doch des anderen dogs morgen gezonden hod een en twintig balons en twee toonis, om alle 'skomp:s en partikuliere goederen die in 't kasteel waaren afte haalen, gelijk ook gedaan wierd vervoerende daar meede onder andere alle kleine kanons en ammonietsie goederen naar Patnamadoer en wijl de groote kanons daar meede niet hadden kunnen worden vervoerd zoo waaren dezelven overland weggebragt tot den 19' febr: voorm: wanneer de Engelschen „ quaamen huizen op het Eiland Allelande hadden in den brand gestoo„ „ken, en rondom de vlaggemast, houtwerken gelegt en dezelve dus in den brand gestooken, dat gem: Prins eindelijk aan hem was 77
English
and took away the rest, that the English upon their arrival at Jutukorijn immediately ordered a beginning to be made with the demolition of the private houses of the company master, of the head surgeon Dupuitz, of the cashier Kersse and of several others, and subsequently also of the Dutch church and the Hospital; furthermore, that they had the four corners of the castle undermined in order to be able to blow it up quickly, and that when the English subsequently also wanted to have the houses of the natives demolished, and to that end had the European schoolmaster van Ek's hands tied behind his back and led him along the streets to point out the houses of those who possessed some means, beating him now and then along the way to make him do so. Furthermore, that the second in command of Kilkare, van Geijssel, along with his wife and a marriageable daughter, was also at Jutukorijn at that time, who was severely mistreated with many blows by the English, because one of those six Englishmen who had arrived at Ponekail had asked to marry the daughter of the said van Geijssel and the parents had refused to consent to it; that subsequently the said van Geijssel was in this manner taken away with beatings to Paliamkotte; he, the deponent, declaring to have seen with his own eyes at krilwelko between Tutukorijn and sonekail that the said van geijssel was so exhausted from mistreatment that he had to be carried away on a cot to Paliamkotte; furthermore, that the English on 1 March last had set fire to some houses on the Island Allelande, and had placed woodwork around the flagpole and thus set it on fire; that the said Prins finally had declared to him, the deponent, that he had suffered over five thousand pagodas in damage. The second deponent declares that while he was at Jutukorijn on the first of February of this year, the chief, Mr. Mekern, had summoned the Kattoponaik, who arrived the next day at the Mapeloer garden and remained there until 3 February, and then entered the castle of Jutukorijn in the afternoon at five o'clock. That after a short stay, two pieces of cannon that stood before the church were taken outside, and half an hour after that another two; that he, the deponent, inquiring where they were being taken, received the answer that two cannons had been given as a present to the said Naik and the other two to siwegerie waniaan; that he, the deponent, had also seen that some mirrors and chairs were carried away; that subsequently around nine o'clock the said Naik departed again, and that he, the deponent, heard the following morning that the chief had departed for kolombo with all the soldiers, except for one order sergeant, twelve topasses and twelve sepoys; learning at the same time that the people of the kattoponaik occupied the gate and the interior of the castle, and that no one could leave or enter the castle without the consent of the Naik's people; that subsequently he, the deponent, [illegible]
Dutch transcription
en de overrest weg naamen, dat de Engelschen met hunne komste op Jutukorijn ten eersten een begin hadden laaten maaken met het afbrecken van de partikuliere huizen van den kompanjemeester van den oppermeester Dupuitz, van den kasfier Kersse en van meer anderen en vervolgens ook van de Hollandsche kerk en het Hospitaal; voorts de vier hoeken van het kasteel laaten ondermeinen om schielijk te kunnen doen springen, en dat toen de Engelschen vervolgens ook de hui„ zen van de Jnlanders hadden willen laaten afbreeken en tot dat einde den Europeeschen schoolmeester van Ek de handen op den rugge hadden doen binden, en langs de straaten leiden om aanwijzing te doen van de huizen der geener die eenige middelen bezitten, hem nu en dan op den weg slaande om zulx te doen. voorts dat de tweede van Kilkare van Geijssel nevens zijne vrouw en eene huwbaare, dochter te dier tijd ook te Jutukorijn was, die door de Engelschen met veele slaagen deerlijk wierd mishandeld, om de wille dat een van die ses Engelschen, die op Ponekail waaren gekoomen, de dochter van gem: van Geijssel hebbende verzogt te trouwen de ouders daar in niet hebben willen toestemmen, dat vervolgens gem: van Geijssel indiervoegen met slaagen weg was gebragt naar Paliamkotte; verklaarende hij attestant met zijne oogen te hebben gezien op krilwelko tusschen Tutukorijn en sonekail dat gem: van geijssel door mishandeling zoodanig of was, dat hij op een katel moest worden weggedraagen naar Paliamkotte, wijders dat de Engelschen eenigen „deriands jnaieroio den 1. Maart Jongst leeden huizen op het Eiland Allelande hadden in den brand gestoo„ „ken, en rondom de vlaggemast, houtwerken gelegt en dezelve dus in den brand gestooken; dat gem: Prins eindelijk aan hem attestant had verklaard, dat hij over de vijf duizend pagooden De tweede attestant verklaard, dat hij op Jutukorijn zijnde den eersten februari dezes Jaars het opperhoofd de Heer Mekern den Kattoponaik had laaten roopen die des anderen dags in de tuin Mapeloer gekoomen en daar tot den 3: febr: gebleeven en toen des agtermiddags te vijf uur binnen het kasteel. van Jutukorijn gekoomen was. — Dat na een weinig vertoevens twee stukken kanon die voor de kerk stonden weg gebragt wierden naar buiten, en een half uur daar na noch twee anderen, dat hij attestant vraagende werwaards die wierden gebragt tot antwoord had gekreegen dat twee kanons aan gem: Naik tot present waaren gegeeven en de andere twee aan si„ „wegerie waniaan, dat hij attestant ook gezien had dat eenige spiegels en stoelen wierden weg gedragen; dat vervol„ „gens omtrend negen uur gem: Naik weder was weggegaan, en dat hij attestant 'smorgens daaraan had gehoord dat het opper„ hoofd naar kolombo was vertrokken met alle de soldaaten uitgenoomen een order serjant, twaalff toepassen en twaalff sipatris; verneemende tegelijk dat het voek van den kattopo„ „naik de poort en binnen het kasteel bezet hield, en dat nie„ „mand uit of in het kasteel konde gaan zonder konsent van het volk van den Naik, dat vervolgens hij attestant met schaade gekreegen had. huizen van 00 den 77
English
Mr Keunemann, who had still remained at Tutukorijn, had gone to the warehouse to distribute rice to some easterners who were still there and were on the point of departure with a sloop that had arrived there that morning, and that during the distribution of the rice some people of the Kattoponaik had arrived there and told Mr Keuneman that they also had to have rice, because they had been there the entire preceding night, to whom Mr Keuneman had ordered four packs of rice to be provided; that meanwhile the Naik's people had forced open the door of the armory by violence and carried away everything that was inside it to Mapeloer, over which Mr Keuneman had become very distressed and had left that place; that Mr Keuneman had owned two horses, for which sixty pagodas had already been offered and for which price Mr Keuneman had also been willing to hand them over, but that the Naik, hearing this, had ordered those two horses to be taken away by force and carried off, saying that everything belonging to the white people at Tutukorijn now belonged to him, whereupon he, the deponent, had departed from Jutukorijn to Manapaar, where one month later three English gentlemen had arrived with about thirty sepoys, among which gentlemen was the paymaster of Palienkotte, Mr Light, who immediately asked the Manigaar where the one young kanakapel of sonekail that mentioned van Geijssel by mistreatment was so broken down that he had to be carried away on a cot to Paliamkotte, furthermore that the English some [illegible] on 1 March last Mr Keuneman was, who replied to this that with the departure of Mr Keuneman he had also left; that thereupon the mentioned three English gentlemen had searched for the merchants, but did not find them because they had hidden themselves, after which those gentlemen had ordered to be taken away the chests and old chairs that they had found there in the houses of the merchants and of the residents, and further had the doors and windows taken out of the houses and the iron knocked out of them, as well as all the iron that was attached here and there to the houses, with orders to send all of it immediately to Paliamkotte, and to set fire to the windows and doors, as was indeed executed, and that they had not even let slip taking a small pot of powdered sugar and a small pot with Amenicka seeds from the house of a merchant and sending them to Paliamkotte. The third deponent declares that one day before the departure of the Tutukorijn chief Mr Mekeon to Colombo, which had been in the beginning of the recently passed month of February, he, the deponent, being at Tutukorijn with Mr Keuneman, had learned that the mentioned chief had summoned the Kattoponaik, who had arrived there the following day, and that after holding a secret conference that very evening, one hundred sepoys of the mentioned Naik had marched into the castle of Tutukorijn, and that he had heard that some cannons had been given to the Naik from the houses 72 77
Dutch transcription
den Heer Keunemann, die op Tutukorijn noch was ge„ bleeven, naar het Pakhuis was gegaan om rijs te verstrekken aan eenige oosterlingen die daar noch waaren, en op hun vertrek stonden met een sloep die dien morgen daar was g'arriveerd, en dat onder het afgeeven van de rijs eenige katto„ „ponaikse volkeren daar waaren gekoomen en tegens den Heer keuneman gezegd hadden dat zij ook rijs hebben mosten, wijl zij daar den geheelen gepasseerden nacht waaren geweest aan wien de Heer Keuneman vier pakken rijs had laaten verstrekken; dat intusschen het volk van den Naik de deur van de wapenkamer met geweld had g'opend en alles wat daar in was, weggebragt naar Mapeloer, waar over de heer Keuneman zeer aangedaan geworden zijnde, daar van daan was weggegaan; dat de heer Keuneman twee paarden had gehad, waar voor reets sestig pagooden gebooden waaren en voor welke prijs de heer Keuneman dezelven ook had willen over doen, doch dat de Naik dat hoorende die twee paarden met geweld had laaten afhaa„ len en weg brengen, onder het zeggen dat alles wat de blanke menschen te Tutukorijn toebehoorende hem nu toequam, waarop hij attestant van Jutukorijn naar Manapaar was vertrokken alwaar een maand door na waaren gekoomen drie Engelsche Heeren met omtrend dertig sipatis, onder welke kleeren was de paijmeester van Palienkotte M:r Light die ten eersten aan de Manigaar gevraagd had, waar of de eene Jonge kanakapel van sonekail dat gem: van geijssel door mishandeling zoodanig of was, dat hij op een katel moest worden weggedraagen naar Paliamkotte, wijders dat de Engelschen eenigen „deriands jnaieroio den 1. Maart jongst leeden den Heer Keuneman was, die daar op toe diende, dat met„ vertrek van den Heer Keuneman hij ook weg was gegaan dat daar op gem: drie Engelsche Heeren de kooplieden hadden laaten opzoeken, doch niet gevonden om dat ze zich schuil hadden gehouden, waar na die heeren hadden laaten weg„ „neemen de kisten en oude stoelen, die ze daar in de huizen van de kooplieden en van de Residenten hadden gevonden, en voorts de deuren en vensters van de huizen laaten uit„ „neemen en daar van 't ijzer uitslaan, zoo ook alle het ijzer dat hier en daar aan de huizen was met order om alle het zelve ten eersten naar Paliamkotte te zenden, en de vensters en deuren in brand te steeken, zoo als zulx ook in 't werk was gesteld en dat ze zelfs niet hadden laaten slippen een kleene pot met poeder zuiker een potje met Amenicka pitten uit het huis van een koopman weg te neemen en naar Paliamkotte te zenden. De derde attestant verklaard dat een dag voor 't vertrek van het Jutukorijns opperhoofd de Heer Mekeon naarko„ „lombo dat geweest was in het begin van de jongst gepasseerde maand februarij, hij attestant op Tutukorijn zijnde bij den Heer Keuneman had vernoomen, dat gem: opperhoofd den kattoponaik had laaten roepen, die daar op des anderen dog gekoomen was, en dat na het houden van een geheime konferentsie dien eigensten avond een honderd sipatris van gem: Naik in het kasteel van Tutukorijn waaren getrokken, en dat hij gehoord had dat eenige kanons aan den Naik huizen gegeven van den 72 77
English
73 had been given; that around nine o'clock the Naik had departed and the opperhoofd had gone to Mr. Keuneman, and furthermore that very night on board a sloop that was lying there, and subsequently to Kolombo; that during that night the people of the Naik had carried away the goods that were in the castle to Panjalang koertje, and that the following afternoon a chief of the Naik had wanted to open the door of the rice warehouse by force, which the orderly sergeant having wanted to prevent, while saying that he was not allowed to do so, the people of the Naik had pushed him, the sergeant, against the chest, chased him away from there, and placed him under arrest with another four sipatus; that subsequently the warehouse was opened, the rice that had been therein taken out, shipped off in vessels and also sent overland to Pattenamadoer; that they had also taken away the two horses of Mr. Keuneman that were there, against which Mr. Keuneman had wanted to object, but in vain, as he was told thereupon that he had to mind his own business and keep quiet; that thereupon the said Mr. Keuneman, seeing the violent acts of the Naik's people, immediately had the Company's linen packages loaded into a sloop that was lying there, and subsequently also went on board the same and departed with it to Kolombo, after having first sealed the two room doors of the house of the secunde there, in which had been found the goods of sonekail; that the said van Geijssel was so exhausted from mistreatment that he had to be carried away on a cot to Paliamkotte; further that the English some [illegible] on 1 March last past of him, Keuneman, and of Mr. van der Wall; that immediately after the departure of Mr. Keuneman the people of the Kattoponaik had opened the said two room doors by force and taken away all the goods that were therein, as well as the houses of Mr. Kramer and of Miss Meier, carrying off all that was to be found therein. That a few days thereafter the English had also arrived at Jutukorijn and had taken away whatever of the goods, both of the Company and of the inhabitants, had still remained; that while the English were there, a Company boat with money, rice, gunpowder, and four cannon had arrived before Jutukorijn, whereupon the English had caused a Dutch flag to be flown from the castle, and sent a balang with some sipatuis to it and thus also captured that boat, on which had been a European quartermaster and seven native sailors; that he, the deponent, had thereupon gone to Manapaar, and being there had heard that English were approaching, upon which rumor he, along with other people, had run into the woods and stayed there until the English had gone away from there again. The fourth deponent declares that two days before the departure of Mr. Mekein from Tutukorijn to Kolombo, which had been in the beginning of the month of February of last year, the said opperhoofd had summoned [illegible] 77
Dutch transcription
73 gegeeven waaren; dat omtrend negen uur de waik weg was vertrokken en het opperhoofd gegaan naar den Heer Keu„ „neman, en voorts dien eigensten nacht naar boord van een sloep die daar lag, en vervolgens naar kolombo, dat geduurende, dien nacht het volk van den Naik de goederen, die in het kasteel waaren, weggedraagen hadden naar Panjalang koertje en dat den volgenden middag een hoofd van den Naik de deur van het rijs pakhuis met geweld had willen openen, het geen de order serjant hebbende willen beletten, onder het zeggen dat hij zulx niet mogte doen het volk van den Naik hem serjant tegen de borst had gestooten, hem daar van daan weggejaagt, en hem in arrest gesteld met noch vier sipatus, dat vervolgens het pakhuis wat g'opend, de daar ingeweest zijnde rijs uitgenoomen in vaartuigen afgescheept en ook te lande verzonden, naar Pattenamadoer dat ze ook de twee paarden van den Heer Keuneman die aldaar waaren weggenoomen hadden, waar teegen de Heer Keuneman zich had willen stellen, maar vrugteloos, alzoo hem daarop was toegediend, dat hij naar zijne zaaken most zien en stil blijven; dat daarop gem: Heer Keuneman ziende de gewel denarijen van 's Naiks volk 'skomp:s lijnwaat pakken ten eersten had laaten afscheepen in een sloep die daar lag, en vervol„ gens ook naar boord van dezelve gegaan en daar meede naar kolombo vertrokken was, na alvoorens de twee ka„ „mer deuren van het huis van den sekunde daar te hebben verzegeld, waar in te vinden waaren geweest de goederen sonekail dat gem: van geijssel door mishandeling zoodanig of was, dat hij op een katel moest worden weggedraagen naar Paliamkotte, wijders dat de Engelschen eenigen „denands jnaieroio den 1. maart jongst leeden van hem Keuneman en van den Heer van der wall; dat ten eersten na het vertrek van den Heer Keuneman het volk van den kattoponaik, de gem: twee kaamer deuren met geweld hod g'opend en alle de goederen die daar in waaren weggenoomen gelijk ook de huizen van den Heer Kramer en van Juffw Meier voorende al wat daarin te vinden was. — Dat eenige dagen daar na de Engelschen ook te Jutu„ „korijn waaren gekoomen en wat 'er van de goederen zoo van de komp: als van de ingezeetenen noch gebleeven „wal weggenoomen, hadden, dat terwijl d' Engelschen aldaar waaren een komp:s boot met geld, rijs, kouit en vier kanon, voor Jutukorijn was gekoomen, dat daar op d' Engelschen een Hollandsche dlag hadden laaten uitwaaren van het kasteel, en een balang met eenige sipatuis daar na toegezonden en alzoo die bood ook bemagtigt, had„ „den, waarop een Europeese quartiermeester en zeeven in„ „landse mattroosen; geweest waaren dat hij attestant daar op naar Manapaar wat gegaan, en door zijnde ge„ „hoord had dat er Engelschen aanquaamen, op welk ge¬ „rugt hij nevens meer menschen de bosschen ingeloopen en daar gebleeven was, tot dat de Engelschen weder daar van daan waaren weg gegaan. De vierde attestant verklaard dat twee dagen voor het vertrek van den Heer Mekein van Tutukorijn naar kolombo, dat geweest was in het begin van de maand februari J:o leeden, gem: opperhoofd hod laaten roepen huizen den van van op de 77
English
the Kattabomma Nayak, that two days thereafter the same had come into the castle of Tuticorin, and after holding a secret conference with the chief went to the garden named Mapeloer and remained there until the next morning, when having returned to the castle and after holding a further secret conference he went again to the aforementioned Mapaloer; that on that very day in the evening at six o'clock the chief had gone from the castle to the house of the second, where Mr. Kenneman was, where there also came an emissary of the Kattabomma Nayak, who, having spoken with the chief, left again; that subsequently during that night the chief went on board a sloop and departed with it for Colombo; the deponent declaring that a few days before, the chief had given the Kattabomma Nayak four cannons with some muskets; that on the same day that the chief had departed, the people of the Kattabomma Nayak had begun to carry away the goods of the chief and of the Company from the castle overland, grain and ammunition as well as other goods, to Panjalamkoertjee; and that the Nayak had also summoned vessels and had other small goods such as household furniture, planks, etc., transported therewith to Patnamadoer; that the deponent had thereupon gone to Mahapaar and remained there for a month, when three English gentlemen arrived there, under Mr. Light, Paymaster of Paleamkotte, whom the deponent knew well, having with him some sepoys; that the aforementioned Englishmen had first asked for the Aratchi and the merchants, and not finding them, had gone to the Company's residence, and immediately had the doors and windows of the Company's warehouse and of the dwellings of the first and second resident removed, had the same smashed to pieces and the iron taken off, and after staying three days departed again, leaving behind fourteen sepoys with orders to send the ironwork of the doors and windows to Paliamkotte, after which the deponent had come here to Cochin; that the aforementioned Van Geijssel was so exhausted from mistreatment that he had to be carried away on a cot to Paliamkotte; furthermore that the Englishmen, alongside the houses, on the 1st of March last past. Thus done and attested within the city of Cochin at the Police Secretariat on the day, month, and year mentioned in the heading hereof, in the presence of Johannes Wolff and Frans Hendrik Nasse, Clerks, as witnesses. Was signed: with various Tamil characters and written around them: set down by Domingo Navais himself, set down by Komara Socami himself, set down by Waniapen himself, set down by Mattoe Rawana himself; in the margin: present before us, was signed: Johannes Wolff and F. H. Nasse; lower: for the translation, was signed: B. Bles, sworn translator; still lower: to my knowledge, was signed: Adriaan Poolvliet, first clerk. Agreed. V. H. Ssael, sworn clerk. Herewith the deponents ended their given declarations, which they testified to be the pure and upright truth, giving as reason for their knowledge of all the aforesaid that they had seen, heard, and attended it themselves in person; remaining therefore prepared, if necessary or if required to do so, to confirm this their attestation further with a solemn oath. Netherlands. Batavia. To His Excellency, Duplicate: To the Right Honorable, Highly Esteemed Gentlemen Directors at the Assembly of the Seventeen, Representing the General Dutch Chartered East India Company at the Presidial Chamber, Amsterdam. Noble, Highly Esteemed, Far-Ruling Gentlemen! With a Portuguese snow named Governo Felix, which is departing from here for Lisbon, we send, addressed to Mr. Daniel Gildemeester, Consul there, the triplicate of our respectful letter of 16 March last past, presenting [illegible] of 1 March last past.
Dutch transcription
74 den kattaponaik, dat twee daagen daar op dezelve in het kasteel van Jutukorijn was gekoomen, en na het houden van een geheime konferentsie met het opperhoofd naar de tuin gen=t Mapeloer gegaan en daar gebleeven wat tot den anderen morgen wanneer weder in het kasteel gekoomen en na het houden van een nadere geheime konferentsie wederom naar gem: Mapaloer gegaan was dat dien eigensten dag des avonds te ses uur het opperhoofd van het kasteel was gegaan naar het huis van den sekunde, alwaar de Heer Kenne„ „man was, alwaar ook quam een sendeling van den kattaponaik die met het opperhoofd gesprooken hebbende weder om wegging, dat vervolgens indien nacht het opperhoofd naar boord van een sloep gegaan en daar meede naar ko„ „lanbo vertrokken was; verklaarende hij attestant dat eenige dagen bevoorens het opperhoofd aan den kattaponaik had gegeeven vier kanons met eenige snaphaanen; dat op den zelfden dag dat het opperhoofd was vertrokken, het volk van den kattoponaik had begonnen de goederen van het opperhoofd en van de komp: van het kasteel weg te brengen over land zoo wel kanen, ammoniettie als andere goede„ „ren, naar Panjalamkoertjee; en dat de Naik ook vaar„ „tuigen had laaten koomen en daar mede naar Patnama„ „doer vervoeren andere kleine goederen als huismeubelen, planken ensz: dat hij attestant daar op naar Mahapaar was gegaan; en aldaar een maand lang gebleeven was wan„ neer aldaar drie Engelsche kleeren gekoomen waaren waar sonekail dat gem: van geijssel door mishandeling zoodanig of was, dat hij op een katel moest worden weggedraagen naar Paliamkotte, wijders dat de Engelschen eenigen „denands jnaieroio den 1. maart Jongst leeden Aldus Gedaan en g'attesteerd binnen de stad koetsiem ter sekretarije van Polietsie ten dage maand en Jaere in den hoofde deezes gemeld, in presentsie van Johannes Wolff en Frans Hendrik Nasse Klerken als getuigen /was getekend:/ met verscheiden. tamoelse karakters en daar omme geschreeven door Domingo Navais selfs gesteld, door komara Socami selfs gesteld, onder M:r Light Paimeester van Paleamkotte, dien de attes„ „tant wel kende bij zich hebbende eenige sipatris, dat gem: En„ „gelschen ten eersten naar het Araatje en de kooplieden ge„ „vraagd hadden en dezelven niet vindende naar 'skomp:s residentsie gegaan waarens en ten eersten de deuren en ven„ „sters van 'skomp:s pakhuis en van de wooningen van den eersten en tweeden resident hadden laaten uitneemen, dezelve aan ha stukken laten slaan en het ijzer daar van afneemen en drie dagen vertoevens weder vertrokken waaren achterlaatende veertien sipatis met order, om de ijzer werken van de deuren en vensters naar Paliamkotte te zenden waarna bij attestant hier op koetsiem gekoomen was. Eindigende hier mede de Attestanten hunne verleende verklaaringen, die zij betuigden de suivere en opregte waar heid te zijn, geevende voor reeden van weetenschap van al het geen voorsz: staat alzoo zelfs in perzoon gezien, gehoord en bijgewoord te hebben; over zulx bereid blijvende dit hun g'attesteerde des noods of daar toe gevergd werdende nader met eede solemneel te bevestigen. de huizen van onder door ver 77 door waniapen selfs gesteld, door Mattoe rawana selps gesteld /:in marsine / ons present /:was getekend:/ Johann=s wolff en F:s H=k Nasse /:lager:/ voor de vertaling /:was getekend:) B: Bles gesw: translateur /nog lager:/ in mijn kennis /:was getx:/ Adriaan Poolvliet Egklerk. Nederland. Batavia Aan zijn Hoogedelheid, Duplikaat: presenteerende Oostindische rake en. overno jelix „s vertrekt heer Daniel iplikaat van Maart J:o leeden „denands jnaieroio den 1. maart jongst sonekail dat gem: van geijssel door mishandeling zoodanig of was, dat hij op een katel moest worden weggedraagen naar Paliamkotte, wijders dat de Engelschen eenigen Akkordeerd V H SSael gez: klerk huizen nevens. 75 sone of wa door waniapen selfs gesteld, door Mattoe rawana selp gesteld /:in marsine / ons present /:was getekend:/ Johann=s wolff en R: H=k Nasse /:lager:/ voor de vertaling /:was getekend:) B: Bol Aan de weledele Hoog achtbaare Weegen Bewindhebberen Ter vergaderinge van zeeventienen, Representeerende de Generaale Nederlandsche g'oktroieerde Oostindische kompanie ter Presidiale kamer Amsterdam. Edele Hoog achtbaare Wijdgebiedende Heeren! Met een Portugeesche snauw Governojelix genaamd, die van hier naar Lissabon vertrekt, zenden wij onder addresse van den Heer Daniel Gildemeester konsul aldaar, het triplikaat van onze eerbiedige letteren van den 16. Maart J:o leeden dertanos jnaceroto aen 1. maart Jongstee Duplikaat: Aan zijn Hoogedelheid, „ Nederland. Batavia La H. huizen naar 10 5 nevens. 75 77 Pon door waniapen selfs gesteld, door Mattoe rawana se gesteld /:in marsine / ons present /:was getekend:/ Johann wolff en F: H=k Nasse /:lager:/ voor de vertaling /:was geteke B: 100 Nederland. „ Aan de weledele Hoog achtbaare Weegen Bewindhebberen per vergaderinge van zeeventienen, Representeerende de Generaale Nederlandsche goktroceerde Oostindische kompanie ter Presidiale kamer Amsterdam. Edele Hoog achtbaare Wijdgebiedende Meeren! Met een Portugeesche snauw Governo jelix genaamd, die van hier naar Lissabon vertrekt, zenden wij onder addresse aan den Heer Daniel Gildemeester konsul aldaar, het triplikaat van onze eerbiedige letteren van den 16. Maart J:o leeden 210 derianos jnaceroio den 1. Maart Jongstleed Duplikaat: Aan zijn Hoogedelheid, Batavia La H. huizen nevens. 1 75 77 5 naar of 11