VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3697

Surat · 189 pages · 119 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3697_0095 view scan ↗

English

The 17th of May, Anno 1785. To transfer all unsatisfied goods from the last tender to the new one. 50,000 rupees advanced on the aforementioned. To deliver the following annual present. wished happiness on the aforementioned tender and were, according to the custom of the country, draped with pomeris. Finally, it was resolved to receive and transfer all those goods that remained unsatisfied and outstanding from the last tender of 1784 onto this new delivery, and thus to balance and settle the old or previous year's contracts with the suppliers. While, in conclusion, it was approved to have delivered the 50,000 rupees that were negotiated yesterday from Sha Gposaeltjent Kapoertjent at the usual interest of 3/4 percent per month, in reduction of the aforementioned delivery. After this, the Lord Authority presented to the meeting that His Honour had long been in doubt whether there might be any possibility to reduce the ordinary present that was customarily given annually to the Nabab and other regents of the city. To that end, His Honour had also sent some messages to the Nabab and had made known to His Excellency that with no fairness could there be demanded from the Company a present of equal value to when the Company conducted a larger and more extensive trade here, and that the Nabab in any case had no right to demand the full presents for this current year, seeing that the Company had only partially enjoyed its privileges. But that the said regent had replied to this that, with regard to the first point, he wished with heart and soul to live to see the day that Surat was restored as before, and that the Company came to trade there with six ships instead of two; and with regard to the second point, that the war with England had caused the increase in the duties on the goods brought and sent with Trompenburg, and must be attributed to that; it had remained at that until now. But as the Lord Authority currently needed the friendship and goodwill of the aforementioned Nabab regarding the permission and obtaining of the privilege to carry the corpses of deceased Company servants through the city to the graves, as stated in the Resolution of the 24th of March, he could no longer reject the urgings of the regents for obtaining the aforementioned annual present, but had been obliged to have the acting trade bookkeeper Monté draw up the following: Project of the ordinary annual present to be delivered to the Honourable Company's brokers Laala Raam Naraam Sieuw Naraam, Tarraatjent Nagerdas, and Praamsinker Gouwenram, in order to be delivered in parts by them, according to an ancient custom, to the City Governor Mier Havies Eldhien Emmetchan Bhadur, and other regents of the Durbar who may be of service to the Honourable Company on occurring occasions, namely: Purchase: Sale: 4,700 pieces silver Surat rupees: f 5640:-:- f 5640:-:- 80 lb cloves: f 27:9:- f 336:-:- 80 lb nutmegs: f 13:9:8 f 192:-:- 40 lb mace: f 20:3:- f 208:-:- 20 lb cinnamon: f 5:18:- f 104:-:- 6 lb nutmeg oil: f 10:18:- f 16:7:- 1 1/2 lb cinnamon oil: f 15:14:- f 23:11:- 6 lb peppermint oil: f 18:17:- f 28:5:8 4 ounces clove oil: f 1:15:- f 2:12:8 30 flasks distilled waters, Dutch: f 138:2:- f 241:13:8 32 flasks distilled waters, Batavian: f 88:17:- f 133:5:8 Total: f 5981:2:8 f 6925:15:- Add: According to the project in Anno 1779/1780, there was delivered in that financial year or recently in ordinary annual presents: f 6158:-:- f 7308:19:8 Thus now projected less: f 176:17:8 f 383:4:8 Underneath was written: Surat, the 17th of May, Anno 1785. Was signed: M. Monté. Whereupon, having deliberated, it was approved and agreed to endorse the same, and thus to deliver it according to custom to the brokers for redistribution to the Nabab and other regents; and this in consideration that the assembly is convinced of the impossibility of having the same abolished or reduced now, as it has been given from the beginning of the Company's presence here; and that the same currently amounts to f 5981:2:8 at purchase or f 6925:15:- at sale, whereas the last time in 1779 and 1780 it amounted to f 6158:-:- at purchase or f 7308:19:8 at sale, being now less by f 176:17:8 at purchase or f 383:4:8 at sale. It was approved to insert the report of the commissioners who, by order of the Lord Authority, have weighed the newly made gold and silver works. To the Right Honourable Abraham Josias Sluijsken, Authority and Chief Commander of this Directorate. Right Honourable Sir, Pursuant to Your Right Honourable's respected verbal order, we, the undersigned, have weighed such gold and silver works as...

Dutch transcription

164: 165. Den 17:' Maij A:o 1785. : alle der op de laaste aanbesteeding onvoldaene goederen op de nieuwe over te schrijven. 50000 rop:s op voorsz: voor uijt verstrekt. „volgende Iaarlijx geschenk. aftegeven. vorsz ad besteding geluk gewenscht en si na 'slands gebruijk met pomerijs omhangen. Wordende eijndelijk nag beslooten om alle die goederen welke op de laatste aanbesteeding van 1784 on voldaan en agter gebleeven sijn, als nu op deese nieuwe Leverancie te ontfangen en over te schrijven, en dus de oude of voorjarige Contracen met de Leveranciers te verevenen en afte rekenen. Terwijl tot slot deese goedgevonden wierd om soodaenige 50000. rop:s als op gisteren van Sha Gposaeltjent Kapoertjent genego„ „tieerd sijn tegen den gewonen Antrest van ¾ p=r C:o s maands te laeten afgeeven in mindering van voorsz: Leverantie. Hier na droeg den Heer Gesaghebber aan de verga„ „dering voor hoe dat sijn Ed: lang in bedenking hebbende gestaan, of er geen mogelijkheijd soude sijn om het ordinaire geschenk dat Jaarlijks aan den Nabab en verdere regenten, der stad pleegde te worden afgegeeven, te verminderen, en sijn Ed: ook ten dien eijnde eenige boodschappen aan den Nabab had laten doen en sijn Excellentie had doen te kennen geven dat met geene billijkheijd van de Comp:e konde worderen, Een Alle aan de Nabab gedaane geschenk van gelijke waarde, als toen de Maatschappij vertoogen vrugtelos sijnde, hier een meerdere en uijtgestrekter handel drev, en dat hij Nabab in allen gevallen geen regt had om voor dit lopende Jaar de wolle geschenken te vorderen, aangesien de Comp: maar gedeeltelijk van haare voorregten gepouisseerd had, dog dat geseijde regent hier op hebbende laten antworden dat wat het Eerste betrof hij met hart en siel wenschte die dag te mogen beleeven, dat souratta weder als voren gesteld was, en dat de Comp:s, daar met ses in steede van met twee scheepen ten handel quam, en ten aansien van het tweede, dat den oorlog tussen Engeland de vermeerderinge van de thollen der met Trompenburg aangebragte en versondene goederen weroorsaakt had, en daar aan toegeschreeven worden moest, het daar bij tot nog toe verbleven was, dog dat hij Heer Gesaghebber de Vriend. „schap en goede wille van voorsz: Nabal, thans van nooden hebbende, in de toelating en verkrijging van het vooregt om te Lijken der overleeden Comp:s Dienaaren, meede door de Stad is men genoodsaak 't naest, na de graeven te voeren, soo als sulx bij Resolutie van den 24:e Maart vermelde is, de instanties van de regenten ter erlanging van het voorsz: Jarlijksche geschenk, niet langer hier konde vertoogen 166: 167: Den 17:e Maij Ao 1785: de gouden silver werken. konde van de hand wijsen, maar genoodsaakt was geweest, door den waarneemend Negotie boekhouder Monte te laeten op„ „maeken het ondervolgende. Project ordinair Jaarlijks Geschenk omme aan S: E: Comp:s Makelaars Laala Raam Naraam Sieuw Naraam, Tarraatjent Nagerdas, en Praamsinker Gouwenram, te werden afgegeeven, ten Eijnde, door haar, volgens een al oud gebruijk aan den Heer Stadts Gouverneur Mier Havies Eldhien Emmetchan Bhadur, en verdere Regenten van den Derbhaar dewelke bij voorkoomende gele„ „gendheeden D:' E: Comp:e van dienst kunnen sijn verdeeltelijk afgegeeven te werden, Namentlijk Inkoops verkoops 4700: —: stux Zilvere souratse Ropijen. . . . . . . . ƒ5640:—:— ƒ3640:—:—: 80:- lb: Garioffel Nagulen. . . . . . . . . . . . „ 27: 9„—:„ 336:—:— 80:—: „ Nooten Muschaaten. . . . . . . . „ 13: 9: 8: „ 192:—:—: 40:—: „ Foulij off Macis. . . . . . . . . . . . „ 20: 3: —:„ 208: —:—: 20:—: „ Canneel. . . . . . . . . . . . . . . . „ 5: 18:—: „ 104:—:—: 6:— „ Nooten olij. . . . . . . . . . . . . . „ 10: 18: — „ 16: 7:—: - - - - „ 15: 14: —„ 23:11:—: 1:½ „ Canneel olij. . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 18: 17: — „ 28: 5: 8: 6 —: „ olij Menthe. 30: - Ress: Gedisteleerde wateren, Hollands. . . . „ 138: 2:—:„ 241:13: 8: 32: „ Gedisteleerde wateren Bataviase. . . . . . „ 88: 17:—„ 133: 5: 8: ƒ 5981:2:8: ƒ6925:15:—: Addeert Conform Project in A:o 17/80 is in dat boek¬ „Jaar off Jongst aan ordinaire Jaarlijkse „ 6158:—:—„ 7388:19:8: Geschenken afgelangt. . . . . . . .. ƒ176:17:8 ƒ383:4:8: Dus nu Minder geprojecteerd.. /:onderstond:/ Souratta den 17:e Maij A:o 1735. /:was geteekend:/ Mr: Monté, 4: — onc:r Nagul olij. . . . . . . . . . . . . . . „ 1: 15:—: „ 2: 12:8: berigt, der gecommitteerdens bij Waar op gedelibereerd Sijnde wierd goedgevonden en verstaan, om hetselve te approbeeren, en alsoo volgens gewoon„ „te aan de Makelaars ter weeder uijtreijking aan den Nabab= en verdere regenten aftegeeven en zulx uijt Consideratie dat de vergadering overtuijgd is, van de onmogelijkheijd om het selve, als sijnde gegeeven van den aanvang dat de Comp:e alhier geseeten is geweest, als nu afgeschaft of vermindert te krijgen, en dat het selve thans bedraagen de ƒ5981:2:8: Inkoops of ƒ 6925:15:—: verkoops, daar het de laastemaal in 1779 en 1780: bedraagen heeft ƒ 6158:—:—: In=- of 7398:19: 8: verkoops nu minder is ƒ 176: 17: 8: Jn- of ƒ 383: 4:8: verkoops; Is goedgevonden te Insereeren, het Rapport, van gecommitteerdens welke op order van den Heer Gesaghebber de nieuw aangemaakte Goud en silver werken hebben gewoogen Aan den WelEdele Agtbaaren Heer Abraham Josias Sluijsken Gesaghebber en Hoofd Gebieder deeser Directie WelEdele Agtbaare Heer Ingevolge uwelEdele Agtb:s gevenereerde mondelinge ordre, heb„ „ben wij ondergeteekendens soodanige Goud en silver werken als voor Waar de

NL-HaNA_1.04.02_3697_0097 view scan ↗

English

168: 169: The 17th of May, Anno 1785 [illegible] Tent approved. the Noble Company have been made, had them weighed in our presence and found as follows, Gold Works 1 piece dish weighs Thola 60:—: 1 piece Betel box and lid weighs Thola 47:—: 1 piece Rose water bottle Thola 38¼: Thola 139¼. Silver Works 2 pieces chubdar sticks, of which 1 piece weighs Thola 118¾: both gilded Thola 190: 1 piece weighs Thola 71¼ 2 pieces chubdar sticks, of which 1 piece weighs Thola 60: Thola 119: 1 piece weighs Thola 59: 49 Plates for 49 common Peons marked and weighs each 4 Thola and 25 waal, or together Thola 234: 9: 1 large Plate for the Jamadar and 1 Buckle Thola 10: 16: Thola 553: 25: Hoping that we have fulfilled our commission according to Your Noble Worships' intention, we have the honor to subscribe this with all respect and reverence, below stood: Right Noble Worshipful Lord! lower: Your Noble Worships' humble and obedient Servants, was signed: N: F: Wolf, and H: van Maseijk, in the margin: Sourata the 16th of May 1781. A specification was submitted by the Warehouse Master Egbert Nicolaas Wiardi of expenses incurred in making a New bamboo Fence around the Linen Tent as well as a shed inside the same, amounting in total to rop:s 1209:46 with an annexed report from the aforesaid Warehouse Master, by which he offers to confirm with an Oath the purity of this specification and that the amounts recorded were genuinely spent by him, upon which and having inspected the report, all of this having been deliberated with all attention and taken into consideration, that that which is now brought up in excess in the aforementioned specification of the said warehouse master, than what was paid for repairing and renewing the same Fence etc in previous Years, must solely be attributed to this, Firstly that the same has now had to be renewed completely, as of the previous Fence and shed not the slightest remained standing or left over, because the English completely demolished and removed the same, as well as leveled the ground and made an Exercise ground of it, secondly that consequently more Materials were used, the more so because the same, according to the report of the Fiscal and the commissioners who examined this Fence and shed and which was entered by Resolution of the 9th of this month, was made extraordinarily firm and strong, And thirdly that the aforementioned warehouse master, although [illegible] to the aforesaid offers

Dutch transcription

168: 169: Den 17e: Maij Ao 1785 „reeren. Thent g'approbeert. de Edele Compagnie sijn aangemaakt, in onse presentie laaten weegen en bevonden als volgt, Goud Werken .. Thola 60:—: 1: pees schotel weegt. . 1: „ Pienangdoos en deksel weegt. . . . . . „ 47: —: - . . „ 38¼: Thola 139¼. „ Roosen water fles Silver Werken 2: pees sjobbedaart stokken, waar van 1. pees weegt Thola 118¾: ¼4 } beide verguld Thola 190: 71¼ 2: pees sjobbedaers stokken, waar van 1: pees weegt Thola 60: 1: 119. 59: 49: Plaeten voor 49: gemeene Pions gem:t &= weegt ieder 4: Thola en 25: waal of te saemen. . . . . . „ 234: 9: Plaat groote voor de Jamedaar en„ „. 10: 16: Thola 553: 25: In hoope dat onse Commissie na uwel Edele Agtb:s intentie vol„ „daan te hebben, hebben wij de Eerdeese met alle Eerbied en ontsagte onderschrijven, /:onderstond:/ wel Edele Agtbaare Heer! /:lager:/ Uwel„ „Edele Agtb:s onderdanige en gehoorsaame Dienaaren /:Was getekend:/ N: F: Wolf, en H: van Maseijk / in margine/ Sourata den 16: Meij 1731. Wierd overgelegd Een specificatie van den Pakhuijs„ Specificatie van de Lijwaat„meester Egbert Nicolaas Wiardi van te gedaane ongelden bij het maeken van een Nieuwe bamboesen Heijning rond„ „som de Lijwaat Tent beneevens Een afdak in het selve, groot in 't geheel rop:s 1209:46 met een sij gevoegdberigt van 1: Gesp. . . . . . . „ „ „ voorseijde Pakhuijsmeester, bij het welke presenteerd de suijverheid deeser specificatie en dat het opgebragte door hem weesentlijk uijtgegeeven is met Eede te sterken, op welk en neevens het berigt te inse, Een en ander met alle attentie gedelibereerd en in aanmer„ „king genoomen sijnde, dat het geene bij de voormelde speci„ „ficatie van gedagte pakhuijmeester thans meerder opgebragt, woord, dan voor het repareeren en vernieuwen van deselve Hleijning etc in voorige Jaaren betaald is daar aan alleen moet worder toegeschreeven, Eerstelijk dat deselve nu ten eenen male heeft moeten worden vernieuwd, als Sijnde er van de voorige Heijning en afdak niets het geringste staande of overig geblee„ „ven, door dien de Engelschen deselve ten eenenmaele afge„ „brooken en weg gedaan mitsgaders de grond geslegt en daar van een Exercitie plaats gemaekt hebben, ten tweeden dat er dien volgens meerder Materialen sijn verbruijkt te meer nog door dien deselve nu volgens het rapport van den Fiscaal en gecommitteerdens die deese Hijning en afdak hebben g'„ „examineerd en het welke bij Resolutie van den 9:e deeser inge„ „schreeven is extra ordinair hegt en sterk gemaekt is, En ten derden dat voormelde pakhuijsmeester schoon ongeverge aan voorseijde bied 1 „ 1 „ „ 1:

NL-HaNA_1.04.02_3697_0098 view scan ↗

English

170 171 The 17th of May, Anno 1785 Pers 79745 offered to confirm the authenticity of this specification under oath, it was thus approved and resolved to approve the aforementioned specification and have it paid from the Treasury, as well as to insert this alongside the report; Specification of such expenses as have been incurred and paid in the construction of a new bamboo fence, together with a lean-to roof, for the Cotton Press in the Company's cloth tent, etc. Namely: For and in the erection of the fence, long, along the roadway 115 3/4 ges, high there 3 ges and 16 Tessoe, long on the river side 90 1/4 ges broad, on the Castle side 42 1/4 ges, on the back side long 26 1/2 ges, likewise high 3 ges and 33 Tessoe: 28 Gess Damania wood, for the gates and supports at 8 rda the ges, is Ra 224: — 10 1/2 Corgs Deska rafters, 1st sort, at 4 1/2 roa the Corgie: 47: 12 4800 pees Atjegera bamboos, 1st sort, at 4 1/6 roa the 100 pieces: 200: — for coolie wages for the aforementioned rafters and bamboos: 5: — 292 daily wages of carpenters, of which: 35 daily wages of master craftsmen at 1 roa per 2 daily wages: roa 17: 24 225 daily wages of journeymen at 1 roa per 3 daily wages: 75: — 32 daily wages of boys at 1 roa per 8 daily wages: 4: — amounting to 96: 24 10 Maan of ironwork and nails for the gates at 3 1/2 roa the Maon: 35: — 20 pairs of sawyers for sawing the woodwork at 7/24 roa: 15: 40 3 daily wages of borers at 1 roa per 3 daily wages: 1: — 300 daily wages of sailors for digging in the timbers and binding the bamboos at 1 roa per 6 daily wages: 50: — 15 Maen of Bommelia coir rope for binding the bamboos at 3 ra the Maon: 45: — for beans for the workmen: 28: 17 The expenses for erecting the fence amount to: roas 797: 45 Right Honorable Sirs, I have the honor herewith to submit the specification of the monies that I have expended in constructing a fence around some... Right Honorable Sir, Carried forward. In the erection of the lean-to roof, high up to the main beam 9 ges and 7 Fissoe, broad 12 3/4 ges, and long 18 1/2 ges: 30 Gess Damania wood for stringers, crossbeams, and tie beams at 8 ra the ges, is: roa 240: — 600 pees of bamboos at 4 1/6 roa the 100 pees: 25: — 91 daily wages of carpenters, of which: 20 daily wages of master craftsmen at 1 roa per 2 1/2 daily wages: roa 8: — 51 daily wages of journeymen at 1 roa per 3 daily wages: 17: — 20 daily wages of boys at 1 roa per 8 daily wages: 2: 24 amounting to 27: 24 150 daily wages of sailors for digging in the timbers and binding the bamboos at 1 roa per 6 daily wages: 25: — 10 pairs of sawyers for sawing the timbers at 19/24 roa: 7: 44 4 Maen of Bommelia coir rope for binding the bamboos at 3 roa the maon: 12: — for coolie wages for the timbers: 4: — 80 Ceer nails of 3 to 4 inches at 8 1/2 roa the maon: 17: — 13650 pees of roof tiles, 2nd sort, at 2 roa per 1050 pieces: 26: — 100 pees of ridge tiles: 1: 12 400 Cobido bamboo mats at 1/8 roa per 3 Cobido: 16: 32 24 pees of small baskets for carrying earth at 2 1/8 roa the 100 pees: —: 24 for the permit to construct the fence and the lean-to roof: 3: 1 for beans for the workmen: 6: 8 The expenses for making the lean-to roof amount to: 412: 1 Total: Rops 1209: 46 Below stood: Surat, the ultimate of April, Anno 1785. Was signed: E. N. Wiardi. Lower: Recalculated at rea 1209: 46. Was signed: G. C. Roeff. To the Right Honorable Sir, Abraham Josias Sluijsken, Commander and Chief Authority of this Directorate, Together with The Council. Which are carried forward: H. E. In and

Dutch transcription

170 171: Den 17:e Maij Ao 1785: Pers 79745 bied de deugdelijkheid deeser specificatie met Eede te sterken, soo wierd goedgevonden en verstaan meergedagte specificatie te approbeeren en uijt Cassa te laeten voldoen, mitsgaders ne„ „vens het berigt desen te insereeren; Specificatie van soodanige ongelden als er gedaan en betaald sijn, bij het aanmaeken van een Nieuwe Bamboese Heijning, benevens een afdak, voor de Cat„ „toen Pers in 's Comp:s Lijwaat thent etc: Namentlijk Voor en bij het opsetten van de Hleijning lang, langs de Rijweg 115 /¾: ges„ hoog aldaar 3: ges en 16: Fessoe, Lang aan de rivier kant 90¼ gesbreed, aan de Casteels sijde 42¼: ges, aan de agterkant lang 26½ ges, item hoog 3. ges en 33 Jessoe Hout Damania, tot de poorten en stutten â rda 3: de ges is Ra 224. —. 23: Gess: Sparren Deska 1=te soort a ro a 4½ 't Corgie - - - - - - - - „ 47: 12: 10:½ Corg:s Bamboesen Atjegera v:=ste Soort â ro â 4 1/6 de 100: pies. . . . . „ 200: —: 4803: pees voor Coelijloon van gemelde sparren en Bamboesen - - - - „ 5: — 292: — Dagloonen van Timmerlieden, daar van 35: Dagl: van Basen â ro/a 1: de 2: dagl:. . . . . . ro/a 17: 24: 225: „ „ knegts „ „ 1: „ 3: „ - - - - - - - - „ 75: —: 32: „ „ Jongens „ „ 1: „ 8: „ - - - - - - - „ 4: —: „ 96: 24: 10: Maan ijzer werken en spijkers voor de Poorten â ro/a 3½ de Maon - - - „ 85: —: 20: paaren Houtzagers tot het zagen van de hout werken â roa 7/24. . . „ 15: 40: 3: Dagh: van Boorders â r a 1: de 3: dagt: „ Mattroosen tot het ingraeven der Houtwerker en . . . . . . „ 50: —: het binden der Bamboesen â ro/a 1: de 6: dagt: 15: — Maen Caijer Touw Bommelia tot het binden der Bamboesen à ra 3: de Maon. voor Boontjes aan de werklieden. De ongelden bij het opsetten der sleijning beloopen op. 300: „ . . . . . . . . . . . . . . „ 45: —: . . . . . . . . . . . r o/as 797: 45: Heeren Ik heb de Eere hier neevens over te leggen de specificatie van de gelden die ik heb uijtgegeeven bij het vervaardigen van een sleijning rond somme WelEdele Agtbaare: Heer P:r Transport. Bij het opsetten van het afdak, hoog tot aan de Moerbalk 9ges en 7: Fissoe breed 12¾ ges, en lang 18½. ges: 30: - Gess: Hlout. Damania tot Stranzerts Dwvarrs en Leg Balken . . . . . . . . . . . r o/a 240:—: à r=a 8: de gesis. 600: pees Bamboesen â ro/a 4 1/6 de 100 pees. . . . . . . . . . . . . „ 25: —: 91: Dagloonen van Timmerlieden daar van. . . . . . . .. 20: Dagl: van Basen â ro/a 1: de 2½ dagt:. . . . . . ro/a 8: —: 51: „ „ Knegts „ „ 1: „ 3: „ - - - - - - - „ 17: —: 20: „ „ Jongens „ „ 1„ 8: „. - - - - - - - - „ 2: 24: „ 27: 24: 150: Dagloonen van Mattroosen tot het ingraven der houtwerken en het binden der bamboesen â ro/a 1: de 6: dagl:. - - - - - - - - - . . . „ 25: —: 10: Paeren Houtsagers tot het zagen der Houtwerken â 10a 1/24. - . . . „ 7: 44: 4: Main Caijer Bommelia tot het binden der bamboesen â ro/a 3: de maon - - - - - - - - - - - - - - „ 12: —: voor Coelijloon van de Houtwerken - - - - - - - - - - - „ 4: —: spijkers van 3: â 4: duijm a ro/a 8½ de maon - - - - - - - „ 17: —: 80: Ceer 13650: pees Dak Pannen 2:de soort „ „ 2: „ 1050: stux: - - - - - - - - - - „ 26: —: 100: „ vorst Pannen - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 1: 12 400: Cobido Matten Bamboesen â ro/a 1/8 de 3 Cobido. . . . . . . - - . „ 16: 32: 24 pees Mandjes tot het draagen der aarde aro/a 2 1/8 de 100: pees. . . . . „ —: 24: voor de permissie tot het maken der Heijningen het afdak - - „ 3: 1: „ Boontjes aan de werklieden - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 6: 8: De ongelden bij het aanmaken van het afdak bedraegen. - . . . . . . . . „ 412: 1: Rop:s 1209: 46: Somma /:onderstond:/ Souratta den ult:o April A:o 1735. /:was getekend:/ E:t N:s Wiardi /lager:/ Nagereekend met re a 1209: 46: /:was geteekend:/ G: C: Roeff: Aan den WelEdelen Agtbaaren Heer Abraham Josias Sluijsken Gesaghebber en Hoofd Gebieder deeser Directie Beneevens Den Raad Die Transporteere I: E: .. . . . . . . . - - - „ 1: —: -. - - - - - „ 28: 17: Bij en „

NL-HaNA_1.04.02_3697_0099 view scan ↗

English

172 173: The 17th of May Anno 1785. approved by the Council of Policy. Honorable Company linen tent. Regarding its construction, I take the liberty to refer to the report of the Fiscal and the Committee members who examined it, and taking their report as a basis, I request Your Honorable Worships and Honors to be persuaded of the absolute truth that the sum of 1289 rupees and 46 pice, as set down in the aforementioned specification, was truly expended by me for the service of the said tent, and for which I offer, if necessary and if required, to take a solemn oath. I have the honor to be, with very great respect, below: Honorable Worshipful Sir and Sirs, lower: Your Honorable Worships and Honors' obedient and humble servant, was signed: E. N. Wiardi, in the margin: Surat the 16th of May 1785. Specification of the Secretary. Finally, it was deemed proper to approve and have paid out of the treasury the following specification from the Secretary of this assembly, van Polanen de Bevere, on account of what was paid by him for the purchase of required writing stationery and office supplies, together amounting to a sum of 229 rupees and 12 pice, and this in consideration that what was paid for it does not exceed the ordinary prices; it being furthermore resolved to have the one and the other written off to ordinary expenses, and to take the office supplies into accountability under unappraised goods. Specification of such writing stationery and office supplies as were purchased and prepared by the undersigned Secretary of Policy upon the honored verbal authorization of the Right Honorable Worshipful Sir Abraham Josias Sluijsken, Director and Commander-in-Chief of this Directorate, for the service of the Secretariat, namely: Thus done, resolved, and decreed in the Dutch Trading Post of Surat, on the day, month, and year aforesaid. Was signed: A. J. Sluijsken, E. N. Wiardi, M. Monte, J. J. van Polanen de Bevere, and G. C. Roeff. Writing Stationery 60 quires of small-sized paper at 25 rupees per 20 quires amounts to: 75 rupees 0 pice 20 quires of large-sized paper: 30 rupees 0 pice 400 pieces of quill pens at 6 rupees per hundred: 24 rupees 0 pice, total 129 rupees 0 pice Office Supplies 2 pieces of chelasse or green checkered curtains with their valances, brass rings, cotton drawstrings, and tailoring costs, etc.: 18 rupees 0 pice 6 new chairs at 6 rupees each is: 36 rupees 0 pice 5 locks and keys for 5 desks at 1 rupee and 18 pice each: 8 rupees 36 pice 6 brass candlesticks at 5 rupees each is: 30 rupees 0 pice 6 pairs of snuffers at 1 rupee and 14 pice each: 7 rupees 24 pice, total 100 rupees 12 pice Sum total: 229 rupees 12 pice Below: Surat the 16th of May Anno 1785. Was signed: J. J. van Polanen de Bevere. 174: 175. The 23rd of May Anno 1785. Monday. The 23rd of May Anno 1785. All present before noon. First, the last resolution of the 17th of this month was read and approved. After which the Director presented a petition submitted to this Council by the Warehouse Master Egbert Nicolaas Wiardi and Fiscal Mattijs Monte, in their capacity as attorneys of the free merchant Johannes Tranchell, containing in substance a request that letters of recommendation to the Governor-General of Goa be granted to the attorneys of the aforesaid Tranchell at Bombay, being Messrs. David Scott and James Tate, to the end of granting the same attorneys all protection and assistance in recovering their principal's two-masted vessel named the Elisabeth, commanded by a certain Captain Elgersman, etc., as appears from the following petition itself. To the Right Honorable Worshipful Sir Abraham Josias Sluijsken, Director and Commander-in-Chief of this Directorate, together with the present Council. Right Honorable Worshipful Sir, Sirs! Your Honorable Worships' obedient servants, Egbert Nicolaas Wiardi and Mattijs Monte, very humbly make known: That by power of attorney of the 1st and missive of the 3rd of March last, appended hereto in copy, they were requested and nominated by Mr. Johannes Tranchell, member of the Honorable Colleges of Marrimony and Petty Courts at Colombo, as His Honor's special attorneys to reclaim and demand, upon arrival or discovery, the two-masted vessel named De Elizabeth, commanded by Captain Elgersman, from him, and to cause the said Elgersman to be arrested; and this because this Elgersman, with the aforesaid vessel, belonging under the direction of the said Mr. Tranchell, has wandered to many places without authority, such as to Malabar, Pegu, Queda, Aceh, and finally has steered towards the west of India, passing himself off under very different names, at one time for a Frenchman, at another for an Englishman, and then again for a Dutchman, which he truly is; and that they are now informed that the said vessel, the Elisabeth, is said to be in Goa, and although the petitioners' co-attorney, Mr. David Scott at Bombay, has already addressed himself to Goa for the aforesaid purpose, we are nevertheless still in doubt regarding its outcome. The petitioners therefore take the liberty to inform Your Honorable Worships of all the foregoing, and to solicit Your Highest assistance in this matter, and in particular that it may please Your Honorable Worships for the present

Dutch transcription

172 173: Den 17:e Maij A:o 1785. van Politie g'approbeerd. 'S: E: Comp:s Lijwaat Thent. Nopens dies Constructie gebruijkt ik de vrijheid mij te gedraegen aan het Rapport van den 8 Fiscaal en Ge„ „committeerdens die deselve hebben g'examineerd, en dus derselver verslag ten grondslag neemende versoek ik uw wel Ed:e Agtb:r en Ed:s gepersuadeert te willen sijn van de volkomenste waarheid dat de som van r o/a 1289:46: soo als se bij voorsz: specificatie is ter neerder gesteld door mij wesentlijk ten dienste der geseijde sleijning is uijtgegeeven, en waar voor ik aan„ „biede des noods en sulks gerequireerd wordende een solemneelen Eed te sullen presteeren, Ik heb de Eer met seer veel Eerbied te sijn, /:onderstond:/ Wel„ „Edele Agtbaare Heer en Heeren /:lager:/ uw wel Ed: Agtb:r en Ed:s ge„ „hoorsaame en onderdanige Dienaar /:was getekend:/ I:t N:s Wiardi, /:in margine:/ ouratta den 16:e Maij 1785. Specificatie van den secretaris Laastelijk wierd goedgevonden om te approbeeren en uijt Cassa te laeten voldoen, de ondervolgende Specificatie van den Secretaris deeser vergadering van Polanen de bevere, wegens het betaalde door hem tot den Inkoop van benodigde schrijfge„ „reedschappen en Comptoir behoeftens te saemen tot een bedraegen van ro a 229: 12: ende sulx uijt Consideratie dat het daar bij betaalde de gewoone prijsen niet excedeert werdende verders verstaan in 't een en ander op onkosten ordinair te laeten af„ „schrijven, en de Comptoir behoeftens op ongetaxeerde goederen ter verantwoording inteneemen. Specificatie van soodaenige Schrijff-Gereedschap„ „pen en Comptoir behoeftens als er op g'Eerde Monde„ „linge qualificatie van den welEdelen Agtbaaren Heer Abraham Josias Sluijsken, Gesaghebber en Aldus Gedaan Geresolveerd en gearresteerd in 't Nederlands Comptoir souratta ten daage maand en Jaare voormeld /:Was getekend:/ A: J: Sluijsken, F:t N:s Wiardi, M:s Monte, J: J: van Polanen de bevere, en G: C: Roeff: Schreijff Gereedschappen 60: Boek kleijn Formaat Papier â r/a 25: de 20: boeken komt ro/a 75:—: 20: _ Groot — . . . . . .„ 24—:8a 129:—: 400: pees, Penne schagten â ro a 6: 't Cento Comptoir Behoeftens 2:- pees Chelasse of Groen geruijte Gaurdijnen met dies valvulaas kooper Ringen Cattoene ophaal Koorden en Makeloon etc. . . . . . . . . . . . ro/a 18: —: Nieuwe stoelen â ro/a 6: ijder is. . . . . . . . . „ 36: —: 6: „ 5: „ sslooten en sleutels tot 5 Lessenaars a 7 a 1¼ ijder „ 8.36. 6: „ Koopere Blaakers â va 5 ijder is. . - - - -. - „ 30: —: 6: „ _o Snijters „ „ 1¼ _ „. . . . . . . . „ 7: 24: 100: 12: Somma - - - Ras 229:12: /:onderstond/: Souratta den 16:e Maij A:o 1785: /: Was getekend:/ J: J: van Polanen de bevere . . . . . . . . . . . „ 30: —: Hoofd Gebieder deeser Directie ten Dienste van het secretarij door den ondergeteekenden Secretaris van Politie Ingekogt en aange¬ „maakt sijn, te weeten. Hoofd Maandag. _o 174: 175. Den 23e: Maij Ao: 1785 „di& fiscaal Monte qq: versoe„ Maandag Den 23e: Maij Ao: 1785. Alle Present voor de middag Voor aff wierd geresumeert en geapprobeert de laaste Resolutie van den 17:e deeses, Waar nae den Heer Gesaghebber overleijde eene door den Pakhuijsmeester Egbert Nicolaas Wiardi en Fiscael den Pakhuijsmeester Wiar, Mattijs Monte in de qualiteijt als gemagtigdens van den „ke brieven van voorschrijvrij koopman Iohannes Tranchel aan deese Raade gepresen„ „teerd Request houdende in substantie versoek dat aan de Gemagtigden van voorsz: Tranchel te Bombaij, sijnde de Heeren David Scott en Iames Tate, mogen worden verleend brieven van voorschrijving aan den Heere Gouverneur Generaal van Goa, ten eijnde deselve Gemagtigdens alle bescherminge en assistentie te verleenen in de weder verkrijging van haerer pricipalen twee Mast vaartuijg de Elisabeth ge„ „naemt, en gecommandeerd door sekeren Captain Elgersman, enz: invoegen geblijkt bij het ondervolgende Request selven Geeven seer nedrig te kennen uw wel Edele Agtbaares Gehoorsaame Dienaaren Egbert Nicolaas Wiardi en Mattijs Monte, Hoe dat sij bij Procuratie van den 1:e en Missive van den 3:e Maart Jongstleeden, deese in Copia bijgevoegt, door den Heer Iohannes Franchell, Lid van de Eerwaarde Collegien van Huwelijkse;, en kleijne geregtszaken te Colombo, sijn versogt en genomineert als sijn Edeles speciaale gemagtigdens, om bij arrivo, ofte ontdekking, van het Twee maste vaartuijg, genaamt De Eliza„ „beth, gecommandeerd door den Captain Elgersman, het selve van hem te reclameeren, en afte Eijsschen, mitsgaders gemelde Elgersman te doen arresteeren, ende zulks om de wille dat deesen Elgersman met het voor„ „schreeven vaartuijg /:gehoorende onder de Directie van gemelde E: Franchell op veele plaatsen is zond gedwaeld, als na Mallabaar, Pegu, queda, Achin, en eijndelijk na de west van Indien is gesteevend, onder zeer verschillende namen sig uijtgevende, dan voor een Fransman, dan voor een Engelsman en dan weeder voor een Hollander, het geen hij weezendlijk is, en dat sij thans geinformeerd sijn, dat gemelde vaartuijg, de Elisabeth sig te goa soude bevinden, en schoon der supplianten mede gemagtigde de Heer David schtt te Bombaij sig ten fine voorsz: reeds te Goa heeft geaddresseerd, sijn wij egter voor als nog nopens dies uijtslag in twijffel. De supplianten neemen daarom de vrijheid uw welEdele Agtbaare van al het voorenstaan„ „de te verwittigen, en Hoogst Derselver behulpsaamheid in deesen te solliciteeren en insonderheid dat het uuwwel Edele Agtbaare voor het WelEdele Agtbaare Heer Heeren! Den Raad Aan den WelEdelen Agtbaaren Heer Abraham Josias Sluijsken Gesaghebber en Hoofd Gebieder deeser Directie Benevens Aan tegenswoordige „ven

NL-HaNA_1.04.02_3697_0101 view scan ↗

English

176: 177: The 23rd of May Anno 1785: to grant that request. may graciously please at present to grant the petitioners a letter of recommendation to the Right Noble Lord Governor General of Goa etc., principally containing a request to kindly grant all help and assistance to the co-attorneys of the aforementioned Mr. Franchell, namely Messrs. Scott and Tate, serving for the case subject; For which proof of high favor the petitioners shall always remain grateful. Below was written: Which doing, etc. In the margin: Souratta the 20th of May Anno 1785. Whereupon, having deliberated, it was approved and after deliberation resolved to grant the aforementioned recommendation and thus thereby, as far as possible, also satisfy the requisition of the Ceylon Ministry contained in the dispatch of the 11th of March last, and the resolution of this assembly of the 17th of this month, and to that end to dispatch the following letter to the Lord Governor General of Goa, handing it over to the petitioners. And as we have not been able to refuse this request, we take the liberty to very urgently request Your Excellency to kindly grant His protection and assistance in this matter to the aforementioned Messrs. David Scott and James Tate, as Your Excellency shall deem appropriate in good justice, while in similar cases we shall at all times gladly do the same; We commend Your Excellency to the protection of God and have the honor to be, below was written: High and Nobly Born Lord, lower: Your Excellency's very humble and obedient servants. Was signed: Whereas it has been represented to us on behalf of the free merchant and citizen of Ceylon, Johannes Tranchel, that his two-masted vessel named the Elisabeth, commanded by a certain Captain Elgersman, departed from Achin under the pretext of going to Bombay, without the said Captain Elgersman having given the slightest notice thereof to the aforementioned Johannes Tranchel, and that the said vessel is now in Your Excellency's Government at Goa and is said to have been offered for sale there by the frequently mentioned Elgersman, with the added request that, since this conduct of the said Elgersman gives very strong suspicion of evil and vile intentions, we might be willing to grant our letters of recommendation to Your Excellency, to the end that Your Excellency kindly grant all assistance and help to the attorneys of the aforementioned Mr. Franchel, being Messrs. David Scott and James Tate at Bombay; High and Nobly Born Lord! To His Excellency Frederic Guillielmo De Souza Governor and Captain General of all the Possessions of Her Most Faithful Majesty in the East Indies etc., etc., etc. To 178: 179. The 23rd of May Anno 1785. being our: A: I: Sluijsken, E:t N:s Wiardi, M:s Monte, J: J: van Bolanen de Bevere, and G: C: Roeff. In the margin: In the Dutch Factory at Souratta the 24th of May Anno 1785. Subsequently, the Lord Director gave the assembly to know how the experience of four months had now shown His Honor that the arrangement made by this assembly by Resolution of the 23rd of February 1781, approved by Their Right Nobilities in their venerated dispatch of the 21st of September following—namely, to cause the garrison here henceforth to consist of three corporals, 4 European soldiers for various special services, two native Jamadars, 24 Sepoys, and 2 drummers—has been made too low with respect to the Sepoys, when one considers that if these 24 Sepoys are divided into two watches, they must always do duty on and off watch, and if they are partitioned into three watches, one can have no more than 8 on watch each day (assuming, which is hardly possible, that they are always healthy); and that if these 8 Sepoys must occupy the four posts on the Wharf, namely one for each gate and two before the house of the commander, each man must stand sentry twelve hours out of the 24, a service of which there is no example anywhere except in extreme emergency and which no one can constantly endure, not to mention that virtually not a single man can be spared on the wharf for the guard at the gates whenever one is obliged to provide the vessels sent to the North to collect the returns with a proper escort of at least 10 men with a non-commissioned officer for each vessel; that His Honor, to meet this deficiency, had indeed attempted to supply the same by means of those peons who are granted to this Directorate for various services and are entered on the monthly payroll of the native servants, but that these also have already been reduced to such a small number that he, the Lord Director, in order to have his retinue or train only somewhat equal to that of the chiefs of other European nations in Suratta, was obliged to keep fully 30 peons more in service and pay them out of his private purse than the Company credited, while the five Pathans with one Jamadar, who formerly kept watch at the East Gate, must now be at the warehouses or lodge in the city, which cannot be without a guard.

Dutch transcription

176: 177: Den 23:e Maij Ao 1785: dat versoek te accordeeren. tegenswoordige Hoog gunstig mooger behagen de supplianten te verleenen een brief van voorschrijvens aan den Hoog Edelen Heere Gouverneur Generaal van Goa etz: voornamentlijk houden„ „de een versoek om de meede gemagtigdens van den Heer Franchell, voorsz: de Heeren Scott en Tate te willen verleenen alle hulpe en bijstand: ten Cas subject dienende; Voor welk Hoog gunst bewijst de supplianten altoos dank„ „baar sullen sijn /: onderstond:/ 't welk Doende etc: /:in margine:/ Souratta den 20=e Maij A:o 1735: Waar op gedelibereert sijnde wierd goedgevonden en na deliberatie is verstaan verstaan om de voorschreeven voorschrijvinge te accordeeren en dus daar door soo verre, mogelijk mede te voldoen aan de requisitie van het Cerijlonse Ministerie vervat bij Mis„ „sive van den 11:e Maart laastleeden, en het besluijt deeser vergaedering van den 17:e deeses, en oms ten dien eijnde de ondervolgende Missive aan den Heere Gouverneur Genel „raal van Goa te laeten afgaan, aan de versoekers ter hand te stellen, En daar wij dit versoek niet hebben kunnen weijgeren, neemen wij de vrijheid uwe Excellentie seer instandig te versoeken, om Des„ „selfs Protectie en assistentie in deesen aan voormelde Heeren David, scott en James Tate te willen verleenen soo als uw Excellentie in goede Jus„ „titie sal vermeenen te behooren, terwijl wij in gelijke gevallen het selve ten allen tijden gaerne doen sullen; Wij beveelen uuw Excellentie in de Protectie Godes en hebben de Eer te sijn, /:onderstond:/ Hoog Edel Geboren Heer /:lager:/ Uw Ex„ „cellenties seer ootmoedige en gehoorsaame Dienaaren /:Was getekend/ Alsoo ons van wegens den vrijkoopman en burger van Ceijlon Iohannes Tranchel, voorgedragen is, dat sijn twee mast vaartuijg de Elisabeth genaamd en gecommandeerd wordende door eenen Capitain Elgersman van achin is vertrokken, onder voorgeeven om naer Bom„ „baij te sullen gaan, sonder dat gemelde Captain Elgersman daar van aan den voorschreeven Iohannes Tranchel eenige de minste kennisse gegeven heeft, en dat gedagte vaartuijg sig als nu in uwer Excellenties Gouvernement te Goa bevind en aldaar door meergenoemden Elgers„ „man ter verkoop soude aangebooden sijn, met bijgevoegd versoek, dat vermits dit gedrag van denselven Elgersman seer sterk vermoeden, „geeft van kwaede en vuijle oogmerken; wij wilden verleenen onse brieven van voorschrijvinge aan uw Excellentie ten eijnde de Ge„ „magtigdens van voormelden Heer Franchel, sijnde de Heeren David Scott en Iames Sate te Bombaij te willen verleenen alle assistentie ende hulpe; Hoog Edel Geboren Heer! Aan Sijn Excellentie Den Frederic Guillielmo De Souza Gouverneur en Capitain Generaal van alle de Besittingen van Haare Aller Getrouwste Majesteiten in de oost Indian etc: etc: etc: Aan 178: 179. Den 23e: Maij Ao: 1785. „ons zijnde A: I: Sluijsken E:t N:s Wiardi, M:s Monte, J: J: van Bolanen de bevere, en G: C: Roeff, /: in margine:/ In de Hollandsche Factorije te Souratta den 24:e Maij: A:o 1785. Vervolgens gaff den Heer Gesaghebber aan de vergadering te kennen, hoe de ondervindinge nu seederd vier maenden het gaarnisoen maar 24: Pi„ aan sijn Edele hadde doen sien, dat de schikkinge deeser vergadering bij Resolutie van den 23:e Februarij 1781 door Haar Hoog Edelheedens bij derselver gevenereerde Missive van den 21:e Sepetember daar aan volgende goedgekeurd, om namentlijk het Guarnisoen alhier voortaan te doen bestaen uijt drie Corporaels 4 Eurepeese soldaeten tot diverse bijsondere diensten, twee Inlandse Jammadders 24: Sipaeijs en 2 Tamboor te laag gemaekt is, ten aansien van de Sipaeijs wanneer men Considereert dat soo men deese 24 Sipaeijs verdeeld in twee wagten, deselve altoos van en aff de wagt moeten dienst doen, en soo men se in drie wagten partagjeerd, men er el„ „ken dag (:ondersteld het geen niet wel mogelijk is, datse al„ „toos gesond sijn :/ niet meer als 8: op de wagt hebben kan, en dat soo deese 8. Sipaeijs de vier posten op de Werff, als een voor ieder poort en twee voor het huijs van den gebieder besetten moeten, ieder man twaalff uuren in de 24: schilderi moet, een dienst waar van nergens, als in groote nood een voor„ „beeld is en niemand gestadig uijthouden kan, ongerekend dan nog dat meer geen enkeld man genoegsaam op de werff kan over„ „houden voor de wagt aan de Poorten, telkens wanneer men ge„ „noodsaakt is de vaartuijgen die ter afhaal van de retouren om de Noord versonden worden met een behoorlijke Escorte van ten minsten v0: man met een onder officier voor ieder vaartuijg te voorsien, dat sijn Edele om aan dit gebrek te gemoet te ko„ „men wel getragt hadde, hetselve te vervullen door die Pions welke aan deese Directie voor diverse Diensten toegestaan sijn en bij de Inlandse Dienaars maand gelden rolle op gebragte werden, dog dat deese meede reets tot sulks een gering getal ge„ „bragt sijnde, dat hij Heer Gesaghebber om sijne asswarie of gevolg maar eenigsints gelijk te hebben met dat van de opper„ „hoofden van andere Europeesche Natien in suratta genood„ „saakt was om wel 30: Pions meerder in dienst te hebben en uijt sijn prive beurs te betaelen dan de Maatschappije te goed deed, terwijl de vijff pathanders met Een Jammadaar welke bevoorens de wagt aan de oost Poort gehouden hebben, nu na de Pakhuijsen of Loge in de stad, die sonder wagt niet moet, weesen

NL-HaNA_1.04.02_3697_0103 view scan ↗

English

180: 181: The 23rd of May Anno 1785. could be increased, had to be relocated, the Master of Authority consequently found himself compelled to propose to the members of the assembly to increase the aforementioned 24 Sipaeijs with 16 men and thus to fix it at 40 men, whereby on each watch, assuming that there are almost always some sick, there will always be able to be 12 men and each man will have to stand guard 8 hours out of the 24, while one will then still always have enough remaining, when two or three vessels go to the north, so that these can at least properly guard the gates of the shipyard. Whereupon having deliberated and taken into consideration that from the year 1764 to 1771, instead of European military personnel, with the approval of Their High Excellencies, 70 such sipaeijs were kept in service here, and that the Highly mentioned Masters, by respected missive of the 2nd of August 1771, were pleased to determine the garrison at Souratta, instead of those or other Portuguese soldiers, at one ensign, 2 sergeants, 4 corporals, and 48 privates, with two drummers, as being very necessary, and furthermore that each of the members is fully convinced of the impossibility of managing on the present footing, it was thus decided, subject to the highly favorable approval of Their High Excellencies, to increase the aforementioned number of 24 Sipaeijs to forty men, whereby the garrison will then consist of: One ensign, earning in salary and board money per year: r:o/a 371: 36: 3 Corporals, salary and board money: 444: —: 4 European soldiers for other duties, salary and board money: 520: —: 1 Native jammadaar at 20 ro/as per month: 240: —: 3 Haveldaars at r o/a 7 each per month: 252: —: 1 Drummer and 1 piper at 5: 120: —: 40 Sipaeijs at 6: 2880: — Total r 8/as 4827: 36: And which will further save the Company annually a sum of rop:s 2136 when compared to the aforementioned determination of the 2nd of August 1774, while by this increase of 16 Sipaeijs there will in turn be saved a watch of one jammadaar and five Pathanders, who would otherwise be needed in the Lodge, where the watch of the East Gate has now been moved, earning 38 rop:s per month, and then also two sailors earning 14 1/6 rop:s per month, whom since the restoration of the shipyard one has been compelled 182: 183: The 31st of May Anno 1785. One from Ceijlon and one from Cochim. Packet. Received. A confrontation held by the Trade Bookkeeper with the linen suppliers. to keep in service beyond the ordinary number of one tandil and nine sailors, in order thereby to make up for the small number of men that one has at night at the shipyard in case of fire, which it was now decided to discharge, and that thus this augmentation differs by only forty rupees per month from the arrangement made in Anno 1781. Finally it was also agreed, on account of the ample expiration of his term, to increase the soldier Hendrik Pemel to f 14:— per month under a new contract of five years. Thus done, resolved, and decreed in the Dutch Trading Post Souratta, on the day, month, and year aforesaid. Was signed: A: J: Sluijsken, E:t N:s Wiardi, M:r Montie, J: J: van Polanen de bevere, and G: C: Roeff. Tuesday, the 31st of May Anno 1785, all present, before noon. First, the last resolution of the 23rd of this month was reviewed and approved. After which the Master of Authority submitted two missives, namely one in original from the Cochim Ministry dated 4th of March and one from the Ceijlon Ministry dated 18th of February, both recently past, which were delivered to his Honor yesterday by Father Marcellus, together with the small chest of papers mentioned in the resolution of the 9th of this month, which were found to be those sent by Their High Excellencies via Ceijlon with the ship Breedenhoff in the year 1783, and all of which were found to agree with their registers; and since there was nothing to decide upon them, as most of them have already been received with the ship Trompenburg and have already been acted upon, it was approved and resolved to deliver the necessary extracts to the offices and to hold the esteemed orders of Their High Excellencies for observance. Subsequently, the acting Trade Bookkeeper Monte submitted a real confrontation drawn up with the Company's ordinary linen suppliers Beramjie Souraabje and Harmootjen Rettingje, both of the goods dispatched with Trompenburg and those still remaining, and now

Dutch transcription

180: 181: Den 23:' Maij A:o 1785. „maerderen weesen kan, hebben moeten worden verplaetst, hij Heer Gesag¬ „hebber sig dienvolgens genoodsaekt vond aan de Leeden der vergaedering te proponeeren, om de voormelde 24. Sipaeijs met 16: stux te vermeerderen en dus te bepaelen ofp 40 stuks waar door er op ieder wagt /: ondersteld dat er meest altoos eenige siek sijn:/ steeds 12: mannen sullen sijn kunnen en ieder man 8: uuren van de 24 Sal Schilderen moeten, terwijl men dan nog altoos wanneer er twee of drie vaartuijgen om de noord gaan, soo veel sal overhouden dat die ten minste de Poorten, van de werff behoorlijk kunnen bewacken. Waar op gedelibereert en in aanschouw genoomen & sijn „de, dat men hier van het Jaer 1764 tot 1771, in steede van Europeese Militairen met goedvinden van Haar Hoog Edelhee„ is verstaen tot 40 stux te vergdens in dienst heeft ghad 70 diengelijke sipaeijs, en dat Hoog gemelde Gebiederen bij gevenereerd schrijven van de 2:e aug:s 1771: het Guarnisoen te Souratta in Steede van die of andere portugeese soldaeten hebben gelieven te bepaelen op Een vaendra 2. Sergeants, 4: Corporaels, en 48. gemeenen, met twee Tanboers, als seer benodigd mitsgaeders dat een ieder der Leeden van de onmogelijkheid om het op den presenten voet te kunnen Soo wierd goedgevonden stellen, ten vollen overtuijgd is, om op hoog gunstige approbatie van Haar Hoog Edelheedens het voorschreeven getal van 24: Sipaeijs te vermeerderen tot veertig stuks, waardoor dan het guarnisoen bestaan sal in Een vaendrig winnende aan Gagie en kostgeld in r:o/a 371: 36: het Jaar. ... . - 3: Corporaels Gage en kostgeld. . . . . . . . . . . . „ 444: —: 4: Europeese soldaaten tot andere diensten gage en kostgeld . . „ 520: —: 1: Inlandse sammadaer â 20 ro/as smaands. . . . . . „ 240: —: 3: Haveldaars. . . . . â r o/a 7: ider s maands - - - - „ 252: —: 1: Tamboer en 1: pijper. . . „ „ 5: _„o _o . . . „ „ 120: —: 40: Sipaeijs. . . . . . . „ „ 6: _„— „ 2880:— _:o . Totael r 8/as 4827: 36: En het welke aan de Maatschappije nog Jaarlijx sal uijt winnen eene somma van rop:s 2136: wanneer vergeleken word met de voorengemelde bepaeling van den 2:e Augustus 1774. terwijl door deese vermeerdering van 16:e Sipaeijs dan weder sal worden uijtgewonnen eene wagt van Een Jammadaar en Vijff Pathanders die men anders in de Loge, werwaerts, nu de wagt van de oost-poort verlegd is, soude benodigd sijn, win„ „nende osrmaands, rop:s 38. en dan nog twee Mattroosen winnende 's maands 14 1/6 rop:s die men sederd de restoratie van de Werff stellen; genoodsaekt 182: 183: Den 31e Maij A:o 1785. Een van Ceijlon& Een van Cochim„ Pakket, ten binnen gekomen Een kon„ „frontatie van den Negotie Boek„ „houder gehouden met de Lijwaat Leveranciers. genoodsaekt is geweest boven het ordinaire getal van een tandel en Negen Mattroosen in dienst te houden, om daar door te gemoet te koomen aan het gering getal menschen dat men 'snagt op de werff heeft in Cas van brand, welke als nu ver„ „staan wierd afte danken en dat dus deede augmentatie met de gemaekte schikking in A:o 1731. slegts vertig ropijn'J mands verschild. Eijndelijk wierd nog verstaan om den soldaat Hendrik Pe„ een soldaet verbetert met ƒ 14: mel vermits ruime tijds expiratie te verbeteren tot ƒ 14:— 'S maands, onder een nieuw verband van vijff Jaaren, Aldus Gedaan Geresolveerd en Gearresteerd in 't Nederlands Comptoir Souratta ten daage Maand en Jaare voormeld /: Was getekend:/ A: J: Sluijsken, E:t N:s Wiardi„ M:r Montie, J: J: van Polanen de bevere, en G: C: Roeff, Dingsdag Den 31e: Maij Ao 1785. alle Present voor de Middag Voor affwierd de laatste Resolutie van den 23:e deeses geresumeerd en geapprobeerd, Waar na door den Heer Gesaghebber wierden over¬ „gelegd twee missives als Eene in origineel van het Cochims ontfangen twee, missives als Ministerie de dato 4:' Maart en Een van het Ceijlons Minis„ ten geleijde van Een Batavias „terie de dato 18:e Februarij beide Jongst verweken welke door den Pater Marcellus op gisteren aan sijn Agtbaaren waren ter hand gesteld, beneevens het kasje met Papieren vermeld ter Resolutie van den 9:e deser welke bevonden wierden te sijn, de door Hunne Hoog Edelheedens met het schip Breedenhoff in den Jaare 1783, over Ceijlon gesondene, en welke alle met haare Registers accordeerende wierd viel bevonden, en vermits op deselve niets te besluijten, alsoo de meeste daar van reeds met het schip Trompenburg ontfangen sijn, en daar op ten reeds gedisponeerd is, soo wierd goedgevonden en verstaan de noodige Extracten aan de Comp„ „toiren aftegeeven, en de g'Eerde beveelen van Haar Hoog Edelheedens tot observantie te doen strekken, Vervolgens wierd door den waarneemend Negotie Boekhouder Monte overgelegd Eene met 's: E: Comp:s gewoone Lijwaat Leveranciers Beramjie Souraabje en Harmootjen reel Rettingje opgemaakte Confrintatie soo ze der met Trompen„ „burg versondene goederen, als de nog agtergebleevene, en nu „gelegd in

NL-HaNA_1.04.02_3697_0105 view scan ↗

English

Saturday the 18th of June Anno 1785. Before noon. All present. After the last resolution of the 31st of May was resumed and approved, the Honorable Director produced a missive received by his honor on the 4th of this month from the present sovereign of Brootchia, Madovrouw Scindia Bhadur, with the answer sent thereto by his aforesaid honor via two express pattemars dated the 3rd following, which aforementioned missives it was resolved to insert here. Translation of a missive from the present sovereign of Brootchia, who writes in his seal thus: Muchtarel Momaleck, Wakil Mootlat, Ierzenda Alleja, Mharaja, Raga Madhsvrouw Scindia Bhadur, or translated thus: the chosen from the kingdoms, protector of the lands, executor of punishments, the most glorious son Maharaja Raja Madhovrouw Scindia Bhadur, to the Right Honorable Director, received the 4th of June 1785. Out of high esteem and firm alliance which in all things is subject to the goodness of God. The request that was sent by you, I have read and heard, and I approve of your politeness and friendship very well; and regarding now the having of a factory in Brootchia, for which you request my permission and order to the Governor of Brootchia in order to negotiate there and to increase the city through trade by which the same may flourish again, this shall all be granted upon my return from this place to Ugheen; then every thing shall be done according to your desires; let us in the meantime maintain acquaintance by writing now and then, and let us know of your welfare to our contentment and joy. Draft Persian missive written by the Right Honorable Director Abraham Josias Sluijsken to the Lord Maharaja Raja Madhovrouw Scindia Bhadur, sovereign of the city of Brootchia. After the titles of honor! Just as the sun in the morning hour gladdens and enlightens all, so has Your Highness's letter gladdened me, when I perceived his affection and friendship therefrom. I wish that Your Highness may see his desires fulfilled, and may ere long return to his capital city Ugheen, which will give me opportunity to send Your Highness a confidant to present all my wishes to you. Yet in the meantime I expect in three or four months the ships of my master, the Honorable Dutch Company, from Batavia and Holland; these bring along many merchandises, which we also sometimes send to Brootchia, and we were accustomed to purchase many goods there such as linens etc. to send away again with those ships, wherefore I request Your Highness to send meanwhile an order to his Governor at Brootchia to let me, on behalf of the aforementioned Honorable Company, carry on trade on the old footing and as has always been the custom before, without introducing any new costumatos; such an order will be very good and serviceable as well for the city as for myself, and Your Highness's fame and justice will be increased thereby. the same found to agree. 42 packs of chintz made ready against the moneys successively advanced to her, from which it appears that the sent goods amount to 154043: 47: rupees and the remaining 42 packs of chintz aforesaid to 16503: 8: or together 170547: 7: rupees and which sum was found to agree with what was advanced to her, and whereof it was understood to keep this note. Finally it was also understood to note in this that on the 29th of this month from the Banyan merchant Boekendas Persotemdas, for the service of the Honorable Company, a sum of 25000:—: rupees was negotiated. Thus done, resolved, and decreed in the Dutch factory at Surat on the day, month, and year aforesaid. Was signed: A: J: Sluijsken, P:t N:s Wiardi, M:r Monte, J: J: van Bolanen de Bevere, and G: C: Roeff. Saturday the 18th of June Anno 1785. The repair of the large water cistern or rather rain reservoir under the house of the aforesaid employee, contracted according to the resolution of the 9th of May last to the master attendant Lotst, being now properly completed, it was resolved to have paid to the aforementioned master attendant out of the treasury the agreed sum of 600: rupees, provided that he remains bound to the condition described in the aforementioned resolution. Likewise, in compliance with the decision of this meeting of the 9th of May past, there was now submitted by the Honorable Director a written estimate from the dispenser De Sille of what the repairs to the Honorable Company's burial ground, and especially to the tomb of the late Lord of Rheede, along with what further is unavoidable, will have to cost; and from which it appears that the repairs, together with plastering and whitewashing the said tomb, will amount to a sum of 1235: — rupees.

Dutch transcription

184: 185 deselve accord bevonden. rop 25000. deselve antwoord. Madovrouw Schindia Bhadur. Gesaghebber, ontfangen den 4:e Junij 1785 „worpen is aan de goedheid of God, in gereedheid gebragte 42: pakken Chitsen tegen de aan haar successive verstrekte gelden, waar bij blijkt dat de versondene goederen bedraagen - - - - r:o/a 154043: 47: en de nog agtergebleevene 42: pakken Chitsen voorm:t „ 16503: 8: off te saemen rop:s 170547: 7: en welke somma, met het aan haar verstrekte wierd accor„ „deerende bevonden, en waar van verstaan is, deese aan„ „teekening te houden, Eijndelijk wierd nog verstaan in deese meede aantetee„ voor d' E: Comp:s genegotieerd „ kenen, dat op den 29=e deeser van den Benjaans koopman Boekendas Persotemdas, ten dienste der Ed=e Comp:e is ge„ „negotieerd een: somma van r0 p:s 25000:—: Aldus Gedaan Geresolveerd en Gearresteerd in 't Nederlands Comptoir Souratta ten daage maand en Jaare voormeld /: was getekend:/ A: J: Sluijsken, P:t N:s Wiardi, Mr: Monte, J: J: van Bolanen de bevere, en G: C: Roeff. Translaat Eener Missive van den tegenswoordigen Souverain van Brootchia welke Sig in Sijn segel aldus schrijfd Muchtarel Momaleck, wakil Mootlat, Ierzenda Alleja, Mharaja, Raga Madhsvrouw Scindia Bhadur, ofte overgeset Sijnde aldus den gekosen uijt de koningrijken Be„ „chierder der Landen, uijtvoerder der Straffen, den Heerlijksten soon Maharaja, Ragha Maahovrouw kin„ „dia Bhadur, aan den WelEdelen Agtbaaren, Heer Uijt hoogeagting en vaste vereeniging welke in alles onder„ Het versoek dat door uw gesonden is, hebbe ik geleesen en gehoord Na dat de laatste Resolutie van den 31:e Maij was geresumeerd en geapprobeerd, Soo wierd door den Agtbaare Heer Gesaghebber geproduceert eene bij sijn Edele op den 4:e deeses onfangene ontfangen, een missive van missive van den tegenswoordigen souverain van Broot„ „chia Madovrouw Scindia Bhadur, met het daar op door voorsz: sijn Agtbaare per twee Expresse Paitamars gesondene andwoord gedateerd den 3=e daar aan volgende, welke voormelde Missives verstaan wierd alhier plaets te geeven, Saturdag Den 18e Junij A:o: 1785. Alle Present voor de Middag Saturdag. en ƒ 186: 127: Den 18:e Junij A:o 1785. de reparatie aan de reegen bak volbragt zijnde uit kaste betaelen. van de Heeren van rheedes Lijk „besteed voor ro/as 1235: — en ik keure uwe beleefdheid en vriendschap seer goed; en belangende nu om een Tactorije in Brootchia te hebben; waar toe uwe mijne permissie en order op de Gouverneur van Brootchia versoekt, ten eijnde aldaar te Negotieren en de stad door den handel te vermeerderen door welke deselve weeder bloeijen mag, dit sal alles toegestaan worden bij mijne te rug komste van deese plaats te righeen, als dan sal ieder ding gedaan worden volgens uwe verlangens, laet ons ondertusschen kennisse onder„ „houden door nu en dan te schrijven, en laat ons uwen welvaart weeten tot onse vergenoegingen vreugde. Concept Persiaansche Missive Geschreeven door den welEdelen Agtbaaren Heer Gesaghebber Abraham Josias Sluijsken, aan den Heer Mhahazaja Raja Madhovrouw Scindia Bhadur Souverain van de Stad Brootchia Na de Eer Titulen! Gelijk de sonne in den morgen stond aller vervrolijkt en verligd, alsoo heeft uwe Hoogheids brieff mij verheugd, wanneer ik sijne gene„ „gentheijd en vriendschap daar uijt ontwaerde Ik wensche dat uwe Hoogheid sijne begeerten mag vervuld sien, en eerlang in desselfs Hoofd stad ugheen te rug keeren mag het geen mij gelegentheijd sal geeven om uwe Hoogheid eenen vertrouweling toe te senden om uuw alle mijne wenschen voor te draegen; Dog ondertusschen verwagte ik over drie â vier maenden de schee„ „pen van mijne Meester de Edele Hollandsche Compagnie van Batavia en Holland deese brengen veele koopmanschappen meede, welke wij ook somtijds na Brootchia senden, en wij pleegen aldaar veele goederen als Lijwaeten etc: in te koopen om met die scheepen weeder te versenden, waarom ik uwe Hoogheid versoeke om immiddels een order te senden op desselfs Gouverneur te Brootchia van mij namens de voormelde Edele Compagnie te laeten handel drijven op den ouden voet en soo Gelijk meede ter voldoening aan het besluijt deser ver„ het repareeren dor groote Gras sondsgadering van den 9:e Maij passato tans door den Agtbaaren ƒ & eenige verdere voorsiening, aan Heer Gesaghebber overgelegd wierd eene schriftelijke estimatie van den Dispencier de Sille van het geene de reparatien aan 'S: E: Comp:s begraaff plaats, en wel voornamentlijk van de Graf„ „tombe van des Heeren van Rheedes Lijk met het geen verder onvermijdelijk is, sullen moeten kosten, en waar uijt Constee„ „rende dat de reparatien mitsgaders pleijsteren en witten van de gemelde graftombe, sal koomen te beloopen Eene 6 De volgens Resolutie van den 9:e Maij passato aan„ den Equipagie opsiender Lotst aanbesteede reparatie van de groote water put of eijgentlijk regenbak onder het huijs van voorschreeven bedienden, als nu behoorlijk gedaan sijnde, soo wierd verstaan aan voormelde Equipage opsiender de uijt s de, daar voor 'accordeerde som geaccordeerde somma van 600: rop:s Cassa te laeten voldoen, mits hij aan de Conditie ter voormelde Resolutie beschreeven gehouden blijve; als bevoorens altoos de gewoonte is geweest, sonder eenige nieuwe Costumatos in te voeren, sulk een order sal soo wel voor de stad als voor mij selven seer goed en dienstig sijn en uuwe Hoogheid roem en regtmatigheid sal daar door vermeerderd worden; als Somma

NL-HaNA_1.04.02_3697_0107 view scan ↗

English

188: 139 is disposed of as in the margin. In dutiful observance of what was prescribed by the venerable missive received with the Trompenburg dated 21 September 1781 and the resolution taken thereon in the Council of Policy on 4 November 1784, the beside-mentioned amount of 42 rop:s was paid in cash by the Honorable Company's moneychanger Gouwendas, Resolutory Dispositions taken on the Beside-Standing Report in the Council of Policy at Souratta on 18 June Anno 1785. sum of 835 rop:s; the Gatekeeper's lodge 65 rop:s; the water well 40 rop:s; and the perimeter wall around the entire burial ground, including the renewal of the gate 345 rop:s; or in total a sum of 1285 rop:s; and that he, the Dispenser, is unable to undertake the aforementioned repairs for anything less, it was therefore approved and agreed, considering that the aforementioned sum did not seem exorbitant and the Honorable Commander declared that the Modi or other natives had refused to do these repairs for less, to contract all the aforementioned repairs, etc., to the Dispenser De Sille for the mentioned sum of 1285:-: rop:s, and after its completion to have it examined by specially appointed Commissioners to determine whether the contract has been fulfilled in all respects and the repairs have been properly executed. Whereupon was submitted a report prepared by the Acting Trade Bookkeeper Monté regarding what has been debited and credited to this Directorate on an Invoice of Account dated Batavia in the Castle 12 August 1781 received with the papers per Breedenhoff via Ceylon, on which, after deliberation, it was approved and agreed to dispose as is noted in the margin of the said report below each item. Debits The amount of 42 pieces of silver Surat rupees which were found to be short out of the 150000 pieces recently invoiced to Batavia per the ship 't Huijs ter Spijk in 8 well-conditioned chests, which amount, pursuant to their High Excellencies' resolution of 21 July 1781, is charged back to this Directorate, to be reimbursed here in the Honorable Company's small currency by the packer Rigsidas at ƒ 1: 4:— each, is ƒ 50:8:— On 4 November 1784 it was also resolved in the Council of Policy to have the beside-mentioned 1 piece unfit weight reimbursed, which was dispatched less than invoiced, but through the erroneous non-issuance as yet of the necessary extract, no warrant of reimbursement has yet been drawn up for it, and for that reason it is now resolved to write off the said weight with its [illegible] One piece 50 lb. unfit pound weight that is accounted for as short out of the 5 pieces invoiced by the ship 't Huijs ter Spijk, as in a small case in which the said weights were packed no more were found than the 4 pieces corresponding with the packing note, being the one less And To the Right Honorable Worshipful Abraham Josias Sluijsken Commander and Chief Ruler over the Honorable Company's Trade and Affairs in this Directorate Together with The Council Right Honorable Worshipful Commanding Sir, Gentlemen! The papers dispatched from Batavia via Ceylon per the Honorable Company's ship Breedenhoff having been received on the 30th of the just-passed month of May, and your Right Worshipfuls having handed to the undersigned Acting Trade Bookkeeper from the same an Invoice dated Batavia in the Castle 12 August Anno 1781, he has the honor to report to your Right Worshipfuls that thereby the following was accounted both to the Debit and brought to the Credit of this Directorate, namely: 18 June Anno 1785. was written off

Dutch transcription

188: 139 is als in margine gedesponeed. Ter pligtschuldige observantie aan het „vene bij de met Trompenburg ontfangene gevenereerde missive de dato 21=e 7ber: 1781: en het daar op in Raade van Politie genomene besluijt in dato 4:e 9ber: 1784: is nevens gemeld bedraegen met rop:s 42 door 'S: E: Comp:s wisselaar Gouwendas Cassa voldaan, Resolutoire Dispositien op Nee„ „venstaande Berigt genoomen in Raade van Politie te Souratta op den 18e Junij A:o 1785. somma van rop:s 835: het Poortiers huijsje rop:s 65: de water put rop:s 40: en de ringmuur rond de geheele begraapplaats, met het vernieuwen der poort rop:s 345: of in het geheel eene somma van rop:s 1285: en dat hij Dispencier onvermogens is om de voormelde herstellingen voor iets minder aan te neemen, soo wierd goedgevonden en verstaan, uijt aanschouw dat de voormel„ „de Somma niet exorbitant scheen en den Agtbaren Heer Gesaghebber verklaarde dat den Moedij of andere Inlanders geweijgert hadden deese reparatien voor minder te doen, om aller de voor gemelde reparatien etc, aan den Dispencier de sille, voor de gemelde somma van rop:s 1285:-: aan te bestee„ „den, en om na dies volbrenging door expresse Gecommitteerdens te laeten examineeren, of aan het Contract in allen deelen voldaan heeft en de reparatien na behooren geschied sijn, Waar na wierd overgelegd een door den waarnemend op een factuur van Aanreekening Negotie boekhouder Monté vervaardigd berigt van het geen deese Directie bij een Factuur van Aanrekening gedateerd Ba„ „tavia in 't Casteel den 12:e aug:s 1781. /: met de Papieren per Breedenhoff over Ceijlon ontfangen:/ Ten Lasten en Ten Goede gebragt is, waar op na deliberatie goedgevonden en verstaan Ten Lasten door haar Hoog Edelheedens aangeschre„ Het Montant van 42, Stux ropijen silvere souratse dewelke op 150000 p:s die Jongst pr het schip 'T sluijs ter spijk te Bata„ „via in 8. wel geconditiconeerde kisten aangesz: te min bevonden sijn, welkers bedraegen Ingevolge Haar Hoog Edelheedens besluijt van den 21:e Julij 1781 deese Directie te rug gerekent werd, omme alhier door de afpackers Rigsidas in 's: E: Comp:e kleijne geld vergoed te werden â ƒ1: 4:—: ijder is. . . . . - op den 4:e 9ber: 1784: is meede in Poli„ Een pees 50:–: lb:de /:onbequaam.:/ Pond gewigt dat op de bij Factuur van 't schip 'T: Huijs ter spijk aangereekende 5 stux te min „tique Raade beslooten het nevens gemeld minder versondene dan aangereekent 1: p:s verantwoord is, alsoo in Een Kasje waar in gemelde gewigten onbequaem gewigt te doen vergoeden, dog waaren afgepakt niet meer sijn bevonden dan de met het door het als nog abusive niet afgeeven van het nodige Extract is daar van nog geen ordonnantie van vergoeding opgemaekt en uijt dien hoofde, tans afpak briefje accordeerende 4: stux werdende het een min„ ƒ 50:8:— beslooten gemeld gewigt met dies Aan den WelEdelen Agtbaaren Heer Abraham Josias Sluijsken Gesaghebber en Hoofd-Gebieder over 's: E: Comp:s Handel en ommeslag in Deese Directie Benevens Den Raad WelEdele Agtbaare Gebiedende Heer Heeren! De p:r 's: E: Comp:s schip Breedenhoff van Batavia over Ceijlon versondene Papieren op den 30:e der Evengepasseerde mand Maij ont„ „fangen, en door uwel Edele Agtbaare uijt deselve aan den ondergetee„ „kenden waarnemend Negotie Boekhouder ter hand gesteld sijnde Een Factuur gedagteekend Batavia In 't Casteel den 12:e Augustus A:o 1781: heeft hij de Eer uwel Edele Agtbaare te Berigten dat daar hij, het volgende deese Directie soo ten Lasten aangereekent als ten Goede gebragt is, Namentlijk: Den 18e Junij A:o 1785. wierd te disponeeren als in margine van het selve Berigt hier onder bij elke post staat aangeteekend, wierd afgeschreven „der En

NL-HaNA_1.04.02_3697_0108 view scan ↗

English

190: 191: The 18th of June A:o 1785. written off costing up to ƒ 19: 6: 8 to be reimbursed to the Honorable Company by the proxy of the former Warehouse Keeper van Cetters, to be reimbursed in the manner as Beraamtje Sourabje and Harmojen, Rettingje. . . ƒ 6: 9: —: r: /a 5 1/8 1/4: by the former bazars 3/4: by the Honorable Company's Linen Suppliers entry in its entirety on the first departing Invoice to be charged to the Ceylon Government, amounting to ƒ 3840: with ro/a 3200: until further order of Their High Mightinesses to let it remain under Taxes and exemptions called before the English Chief of the sent than charged Pursuant to the resolution taken by Their High Mightinesses on the 21st of June A:o 1781 recalculated back at . . . . . The next-mentioned ƒ 8: 12: — in the following manner, The cost of 2 pieces of Baftas white broad whole of 8 wiessa which upon opening the well-conditioned pack No section 23, which was brought in A:o 1779 per the Honorable Company's ship Lands-Krom from here to Batavia, were found to be missing, the amount of which, pursuant to the resolution of Their High Mightinesses of the 27th of October A:o 1780, was charged here with . . . . . ƒ 8: 12: —: Commissioners ƒ 2: 3: —: roa 1 7/24 As above ƒ 8: 12: —: roa 7 1/16. The amount of 25 tubs of Japanese Provisions which, upon distribution in the month of December 1780, fell to the lot of the Honorable Stern Sir Willem Jacob van de Graaff, Extraordinary Councillor of the Netherlands Indies, in view of the departure of the Honorable Stern Sir, Extraordinary Councillor of the Netherlands Indies and former Director of Surat, Willem Jacob van de Graaff, present Governor and Director over the Island of Ceylon, the coast of Madura and its dependencies, Next-mentioned 2 tubs Ginger . . . . . . . . . . . . - - ƒ 24: 5: —: 2 tubs Large Umeboshi - - - - - - - - - - - - ƒ 15: 10: —: 4 tubs Cinnamon . . . . . . . . - - ƒ 33: 10: —: 2 tubs Ditto Small . . . . . . . . . . . ƒ 18: 8: —: 2 tubs Bitter Oranges . . . . . . . . . . ƒ 16: 15: —: 3 tubs Peaches . . . . . . . . . . . ƒ 25: 4: —: 2 tubs Plums . . . . . . . . . . . ƒ 16: 16: —: 2 tubs Apricots . . . - - - - - - - . . ƒ 16: 16: —: 4 tubs Miso . . . . . . . . . . . ƒ 27: 12: —: 2 tubs Tjantjouw . . - - - - - - - - ƒ 8: 10: — ƒ 199: 6: —: Credit Credit However, the opposite credited regarding that which was paid here in the Honorable Company's Treasury by the junior merchants Elbert Elias and C: H: H:k von Erath as proxies of the Authority-holder of Padang, Jacob van Heemskerk, according to Their High Mightinesses' resolution of the 24th of April A:o 1781, to serve in reduction of a bill of exchange received from Surat to the debit of the said van Heemskerk amounting to 12000 rupees or 7560 Rixdollars, and to serve as partial satisfaction of the debt of the Surat Brokers Mandchergie and associates, the remaining unpaid balance to be charged to the West Coast of Sumatra in order to be paid there by the said van Heemskerk, the repaid amount being brought to favor by this the aforementioned Invoice amounting to 2000 Rixdollars, making 1200 pieces of milled silver Ducatons at ƒ 3: 6: — each, being - - - - ƒ 3960: —: — minus 3 1/33 percent rebate . . ƒ 120: —: — ƒ 3840: ro/a 3200: —: —: As to how he must now deal with the one and the other in both Trade Books of this Direction, he requests to be confirmed by Your Honorable Worships' esteemed decisions, awaiting which he subscribes himself with high regard, was underneath: Honorable Worshipful Ruling Sir and Sirs, lower: Your Honorable Worships' very obedient Servant, Was signed: M:s Monte, in the margin: Surat the 7th of June A:o 1785. Hereafter the Sir Authority-holder gave the meeting to know how the Broker Laalla Siew Naraen had come to report to His Honour on the 13th of this month concerning a dispute with Sourabje, that the English Chief Mr. Day had sent that morning to his house first two peons of the Company, and thereafter a staff-bearer, with orders to appear before him immediately, that he, the Broker, had indeed opposed this and declared to the aforementioned staff-bearer that such a manner of proceeding was entirely new and contrary to custom, and that he therefore requested to be permitted, before being brought to Mr. Day, to go first to the wharf to his own superior, but that this had been of no avail as he was compelled to go along immediately; that having appeared before the said English Chief, he also found there the Company's Broker Laalla was Rixdollars Persian government to be charged. - .. ƒ ƒ 8: 12: —:

Dutch transcription

190: 191: Den 18e: Junij A:o 1785. . afgeschreven kostende tot ƒ19: 6:8: door de gemagtigde van den gewee„ „sen Pakhuijsmeester van Cetters aan de E: Comp:e te doen vergoeden, „nieren te doen vergoeden, als Beraamtje Sourabje en Harmojen, Rettingje. . . ƒ 6: 9:—: r: /a 5 1/8 ¼: door de gew: basaers ¾: door 's: E: Comp:s Lijwaat Leveranciers post in sijn geheel bij eerst af„ „tegane Factuur het Ceijlons, Gou„ „bragte ƒ3840: met ro/a 3200: tot na„ „der ordre van Haar Hoog Edelhee„ „dens op Belastingen en ontheffin„ „gen te laeten voortloopen bij den Engelschen Cheff geroepen „der versondene dan aangereekende Ingevolge Haar Hoog Edelheedens op den 21=e Junij A:o 1781: genomene besluijt te rug gereekent met. . . . . . Nevensgemelde ƒ8:12:—:in volgender ma, Het kostende van 2: pees Baftas witte breede heele van 8 wiessa dewelke bij opening van het wel geconditieneerd pak N=o § 23: het welk in A:o 1779 p:r S: E: Comp:s schip Lands—: Krom van hier op Batavia aangebragt is, te min bevonden sijn, welkers bedraagen Ingevolge Hun Hoog Edelheedens besluijt van den 27:e october A:o 1780 herwaards Gecommitteerdens „ 2: 3: —: „ 1 7/24 Als boven ƒ 8: 12: —: roa 7 1/16. aangerekent is met . . . . . Het bedraagen van 25 Balies Provisien Japance dewelke bij Mitshet vertrek van den welEdelen ge„ verdeeling in de Maand December 1780: den wel„ „strengen Heer Raad Extra ordinair „Edelen Gestrengen Heer Willem Jacob van de van Nederlands India en gew: Graaff, Raad Extra ordinair van Nederlands India Sourats Directeur Willem Jacob sijn te beurt gevallen, Namantlijk, van de Graaff presenten Gouverneur en Directeur over het Eijland Ceijlon de kust van Madura en dies onderhorigheeden, Nevens gem:e 2: balijs Loija. . . . . . . . . . . . - - ƒ 24 5: —: 2: „ Mebos groote - - - - - - - - - - - - „ 15 10: —: 4: „ Connemon. . . . . . . . . - - „ 33: 10: —. 2: „ _:o Kleijne. . . . . . . . . . . . „ 18 8: —: 2: „ Ommeranskij. . . . . . . . . . „ 16: 15: —: 3: „ Persiken. . . . . . . . . . . „ 25: 4: —: 2: „ Pruijmen. . . . . . . . . . . „ 16 16: —: 2: „ Abricoosen. . . - - - - - - - . . „ 16: 16: —: 4: „ Mizo. . . . . . . . . . . . „ 27: 12: —: 2 „ Tjantjouw. . - - - - - - - - „ 8: 10: — ƒ 199: 6: —: Ten Goede Dog nevenstaande ten goede ge„weegens het geen alhier /: te Batavia :/ in 'S: E: Comp:s Cassa is betaald door de onderkooplieden Elbert Elias en C: H: H:k von Erath als gemagtigdens van den Padangs Gesag„ „hebber Iacob van Heemskerk volgens Hun Hoog Edel„ „heedens besluijt van den 24:e April A:o 1781: om te dienen in mindering van eene van Souratta ten Lasten van gemelde van Heemskerk ontfangene wissel brieff groot, rop:s 12000:—. off Rijxdaalders 7560:—: en om te strekken tot een gedeeltelijke voldoening van de schuld der souratse Makelaars Mandchergie /:C:S:/ sullende het nog onvoldaane Sumatras west kust werden aange„ „reekent, ten eijnde aldaar door gemelde van Hemskerk voldaan te werden, bedraegende het afbetaalde dat bij deesen /: de Factuur voorm:/ ten Faveure werd gebragt rijxd:s 2000: uijtmaekende 1200:—: stux Ducatons silvere gecartelde â ƒ 3: 6:—: ijder is. - - - -ƒ 3960:—:— af 3 1/33. p:r C:to rabat . . „ 120: —: —ƒ3840:/a 3200:—:—: Hoedaanig hij nu het een en ander beijde Negotie Boeken deeser Directie moet verhandelen, versoekt hij met uwel Edele Agtbaares g'Eerde dispositien gesterkt te werden, in welkers afwagting hij sig met hoogagting onderschrijft /:onderstond:/ WelEdele Agtbaare Gebiedende Heer: en Heeren /:lager:/ uwel Edele Agtbaares seer gehoorsaamen Dienaer /: Was gete„ „kend:/ M:s Monte /:in margine:/ Souratta den 7:e Junij A:o 1735: Hier nae gaff den Heer Gesaghebber aan de vergadering Comp:s Makelaar Laalla wierd te kennen, hoe dat de Makelaar Laalla Siew Naraen over een berschil met sourabje Sijn Edele op den 13=e deeses sijnde komen rapporteeren, dat den Engelschen Cheffe M:r Daij dien morgen ten sijnen huijse hadde gesonden eerst twee pions van de Compagnie, en daar na een stokke drager, met last om dadelijk voor hem te ver„ „schijnen dat hij Makelaar sig hier tegens wel verset en aan den voormelden stokke draeger verklaerd had, dat sulk eene handel wijse geheel nieuw en met de gewoonten setrijdig was en dat hij daerom versogt dat hem wierd toegestaan om alvoorens hij na M:r Daij gebragt wierd eerst op de werff bij sijn eijgen gebieder te gaan, dog dat sulx van geen vrugt geweest was als sijnde hij genoodsaekt geweest om dadelijk meede te gaan, dat hij voor denselven Engelschen Cheff verscheenen sijnde, aldaer meede heeft gevonden den zijxds Persisch „vernement aantereekenen. - .. ƒ ƒ 8: 12:—:

NL-HaNA_1.04.02_3697_0109 view scan ↗

English

192: 193: The 18th June Anno 1785: regarding a letter to Mr. Day. Persian merchant under English protection, Souraabjee Mandchergie, with whom he, along with his fellow brokers, had a dispute over the sale of 101 cannassers of powder sugar, which the said Souraabjee had bought from their brokers on 15 April last and had partially received and paid for, but the remainder of which he now refused to receive and settle; that Mr. Day, having asked him in the presence of the said Persian what the cause of their dispute was, he had related the matter in substance, and that Mr. Day, after having spoken for some time with the aforementioned Souraabjee Mandchergie in the English language, had said to him, Lalaatjent, come back here the day after tomorrow, then I will settle your case; that he, the Director, considering what harmful consequences it may have if the English government presumed not only to command the Company's brokers arbitrarily in such a manner and to summon them before them repeatedly in such a way just like all other natives, or otherwise to have them fetched by force, so contrary to the ancient customs, according to which it has always been customary that an English Thomas Day, Esquire Worthy Sir! Our Company's broker Lalaatjen Sieuw Naraam has reported to me that two of your Sepoys came to him yesterday morning with an order to attend upon you, and that a chobdar took him away directly, without permitting him to come to me first; and as this is entirely contrary to our privileges and ancient customs, I must request permission, in order to prevent all public complaints, to recall to your memory: That it has always, and even up to the time when the present Governor was Chief here, been the steadfast custom that Translation Chief, indeed even the Nabab, whenever he desired to speak to the brokers of the Dutch Company, always sent a request to the Director asking him to send them; but that they furthermore wished to undertake to pass judgment in matters between these brokers and the merchants regarding disputes that may arise in the trade over the merchandise of the Company or otherwise, as such would be an open path to all kinds of vexations and to make the brokers entirely dependent upon them over time, while all rulers, on the contrary, are bound to be helpful to the Company in the collection of its debts; the Director sent to the English Chief Mr. Day the following letter: Chief, whenever

Dutch transcription

192: 193: Den 18e: Junij Ao 1785: twegen Een brieff aan m:r Daij gestonden. Persisch koopman onder Engelsche Protetie souraabjes Mandchergie, /: met welke hij nevens sijne meede Makelaars een verschil had over den verkoop van 101 Cannassers poeder suijker, welke gedagte souraabjee op den 15:e April Jongst¬ „leeden van haar Makelaers gekogt en gedeettelijk ontfangen en betaald had, dog welkers restant hij nu weijgerde te ontfangen en te voldoen :/ dat M:r Daij hem ter presentie van gedagten persie hebbende afgevraegd wat de oorsaak van haar verschil was, hij de saak in substantie hadde verhaald, en dat M:r Daij daar op, na dat hij eenige tijd met meergedagte sourab„ „jee Mandchergie in de Engelsche tael gesprooken had, aan hem Lalaatjent hadde gesegd komt over morgen hier weeder dan sal ik uw saak afdoen, dat hij heer Gesaghebber, Consi„ „dererende van welke nadelige gevolgen het sijn kan, soo de Engelsche regering sig aanmatigde niet alleen om over 's Compagnies Makelaars in diervoegen willekeurig te gebieden en haer op sulken wijse even als alle andere Inlanders tel„ „kens te doen voor haer koomen of anders deselve met force te doen afhaelen, soo vstrijdig met de oude gewoonten, volgens dewelke het altoos gebruijkelijk is geweest, dat een Engelsche Thomas Daij Schildknaap Waarde Heer! Onse Compagnies Makelaar Lalaaltjen Sieuw Naraam heeft mij gerapporteerd, dat twee van uwe Sipaeijs gisteren morgen bij hem gekoo„ „men sijn, met een order uw op te wagten, en dat een sjobdaar hem direct wegbragt, sonder hem te permitteeren van eerst bij mij te koomen, en alsoo dit geheellijk teegens onse voorregten en oud gewoontens strijd, moet ik verloff versoeken, om alle publijcque klagten voor te koomen, aan uw geheugen te brengen, Dat het altoos, en selfs tot de tijd dat de teegenswoordige Gouver„ „neur alhier Cheff was de standvastige gewoonte geweest is, dat Translaat Cheff, Ja selfs de Nabab wanneer hij de Makelaars van de Hollandsche Compagnie verlangda te spreeken, telkens bij den Directeur liet versoeken om deselve te willen senden, maar datse daer en boven wilde onderneemen om te vonnis„ „sen in saeken tusschen deese Makelaars en de kooplieden over verschillen welke in den handel over de koopmanschappen van de Compagnie als andersints kunnen ontstaan, alsoo sulx een opene weg soude sijn tot allerhande vexatien en om de Makelaars door de tijd geheel van haar afhankelijk te maeken, den Heer Gesaghebber heeft ie daar alle regenten ter Contrarie gehouden sijn, om de Compagnie in de invordering haeren schulden behulpsaem te weesen, aan den Engelschen Chieff M:s Daij hadde gesonden de ondervolgen„ „de brieff, Cheff, wanneer

NL-HaNA_1.04.02_3697_0110 view scan ↗

English

194 195. The 18th June Anno 1785. Correspondence regarding the matter whenever the English Chief had need to see the Brokers of the Dutch Company, he sent to their Chief, and likewise whenever an English subject or those under English protection had any claim against the Dutch Servants and Brokers of the Company, that was likewise sent to the Chief, and thus back and forth. And it is for this reason that I take the liberty to request that whenever your Honour shall need the said Brokers, it may please you to send to me, whereupon they shall immediately be sent. With regard now to the dispute for which the Broker is ordered to appear again tomorrow, since it is of great consequence for the Company that no person has the liberty arbitrarily to break Contracts made with the said Brokers regarding Company goods, and which he has signed with his own hand, I must send a public letter against Sourabjee in case he further refuses to receive the sugar that he has purchased, and I have instructed the Brokers not to accept any decision in matters that they perform in their public capacity, but to bring their complaints before us, when we shall bring it before you if it is necessary, and such has always been the constant custom at Souratta, in accordance with our privileges. I am, below stood: Worthy Sir! Lower: Your most obedient, humble Servant. Was signed: A. J. Sluijsken. In the margin: Souratta, the 14th June Anno 1785. That this person having immediately answered thereto: Sir! I am at this moment favored with yours dated yesterday. As it pleases you to state therein that I have acted against your privileges, it is necessary that the same must be settled in a public manner, for which reason your letter has been referred to the Council here, to whom I request that a full report of the Privileges of which you speak may be sent. It will likewise be necessary that the complaints of which you make mention be laid before them at the same time against Sourabjee, so that they may have full knowledge thereof, to which end permit me to request the whole from you. I am, below stood: Sir. Lower: Your most obedient, humble Servant. Was signed: Thomas Daij. In the margin: Souratta, the 15th June 1785. Thomas Daij Esqr., Chief Etc.: Sir, I had the Honour to receive your letter of today, in answer to which I request permission to observe, that when I wrote to you yesterday, it was not to make any complaints against you; it was solely to inform you of what had been done, and to request that you in future would follow the former customs, and send to me whenever you ever wish to have the Brokers. This I did in a friendly and amicable manner, and in order to prevent all disagreeable disputes. In case Sourabjee further refuses to receive and pay for the sugar that he has purchased from the Company, I will certainly apply to you for assistance, and will in that case lay the whole matter open before you. I am, below stood: Sir. Lower: Your most obedient, humble Servant. Was signed: A. J. Sluijsken. In the margin: Souratta, the 15th June 1783. His Honour had thought proper to disabuse the said English Chief, stating that the complaints made were not directed straight against him personally, but rather against those of his Servants who, as aforementioned, had proceeded either with or without his orders, and consequently had sent direct in answer to his Honour this second Missive. They Yet

Dutch transcription

194 195. Den 18:e Junij A:o 1785. Corespondentie daar omtrend wanneer ooijt de Engelsche Cheff noodig had de Makelaars van de Hollandsche Compagnie te sien hij bij hunnen Cheffsond, en desgelijks wanneer een Engelsche onderdaan of de geene onder Engelsche protectie sijn eenigen Eijsch hadden op de Hollandsche Dienaeren en Makelaars van de Compagnie die insgelijks bij de Cheff gesonden wierd, en en aldus dver en weeder, En het is om deese reeden dat ik de vrijheijd neem te versoeken dat wanneer uE de gesegde Makelaars sult noodig hebben het uw behaagen mag bij mij te senden, wanneer sij aanstonds gesonden sullen worden, Met betrekking nu tot het dispuut waar voor de Makelaar geordonneerd is morgen weeder te verschijnen alsoo het van veele aan¬ „gelegentheid is voor de Compagnie dat geen mensch de vrijheid heeft willekeurigde Contracten te verbreeken gemaakt met de gesegde Make„ laars omtrend Compagnies goederen, en welke hij eijgenhandig getee„ „kend heeft, moet ik een publicque brieff senden teegen sourabjee ingevalle hij verder wijgerd de suijker te ontfangen die hij gekogt heeft, en ik heb de Makelaars gelast geene beslissching aan te neemen in saeken die sij verrichten in hunne publicque hoedanigheid maar om hunne klag„ „ten voor ons te brengen, wanneer wij het voor u sullen brengen als het noodsaakelijk is, en soodaenig is altoos de standvastige gewoonte te souratta geweest, overeenkomstig aan onse voorrechten, ik ben /:on„ „derstond:/ waarde Heer !: /:lager:/ Uwen gehoorsaamsten needrigsten Dienaar /:was getekend:/ A: J: Sluijsken /:in margine:/ Souratta den 14e: Junij Ao: 1785. Dat deese daar op dadelijk hebbende geandwoord; Mijn Heer! Ik ben op dit oogenblik begunstigd met den ruwen gedateerd op gisteren alsoo het uw behaagd daar in te melden dat ik teegens uwe previleegien gehandeld heb is het noodsakelijk dat het selve op een publicque wijse moet worden beslecht, om welke reeden uuwen brieff is overgeweesen aan den Raad alhier aan wien ik versoek dat een vol berigt aan de Previlegien waar van uw gewaagd mag gesonden worden Het sal desgelijks noodig sijn, dat de klagten waar van uw mentie maakt ter selver tijd voor hun gelegd worden teegens sourabjee op dat Thomas Daij Esqr. Cheff Etc: Mijn Heer Ik had de Eer uwen brieff te ontfangen van, van daeg, in ant„ „woord waar op ik verlof versoek aan te merken, dat wanneer ik uw gisteren schreeff het niet en was om eenige klagten teegen uw te maeken, het was alleenig om uw te informeeren wat gedaen was en te versoeken dat uw in 't vervolg de voormaalige gewoontens wilde volgen en bij mij senden wanneer uuw ooijt de Makelaars wil hebben, Dit deed ik op een vriendelijke en minnelijke wijse en om alle onaangenaame dispuuten voor te koomen, Ingevalle, sourabjee verder weijgerd de suijker te ontfangen en te betaalen die hij van de Compagnie gekogt heeft, sal ik mij seekerlijk bij uw vervoegen om bij stand, en sal in dat geval de gantsche saak voor uw open leggen. Ik ben. /:onderstond:/ Mijn Heer. /:lager:/ uwen gehoorsaamsten needrigsten Dienaar /:was getekend:/ A: J: Sluijsken /:in margine:/ Souratta den 15:e Junij 1783. sij daar van ter vollen moogen kennis draegen, ten welken eijnde permitteerd mij het geheel van uw te versoeken, ik ben /:onderstond:/ Mijn Heer : /:lager:/ uwen gehoorsaamsten needrigsten Diemaar /:Was getekend:/ Thomas Daij /:in margine:/ Souratta den 15:e Junij 1785. sijn Agtbaare hadde vermeend denselven Engelschen Cheff te moeten disabuseeren dat de gedaene klagten niet ragt„ „streeks teegen hem personeel maar wel tegen de geene sijner Dienaaren die als voorsz: het sij met of buijten sijne orders waaren te werk gegaen gerigt geweest was, en dienvolgens direct in andwoord aan sijn Edele hadde gesonden deese tweede Missive. Sij Dog

NL-HaNA_1.04.02_3697_0111 view scan ↗

English

196: 197. The 18th of June, anno 1785. The Lord Authority submitted the matter for consideration to the Council. to make complaints against the Chief. Yet, as this also had no other effect than that the aforementioned Chief, as appears from his following further rescription: Abraham Josias Sluijsken, Esquire, Director for the affairs of the Honorable Dutch Company. Sir, I have the honor to receive your respected letter of today's date, and having, in accordance with mine of this morning, referred your respected letter of yesterday to the Council, I must request that you please inform them in what manner I have acted contrary to your privileges, so that a proper reply may be made thereto. Sourabjee has just been with me and has received instructions to await the complaints which you have to make against him to the Surat Chief and Council. I am, at the foot, Sir, lower, your most obedient, humble servant. Was signed: Thomas Daij. In the margin: Surat, the 15th of June, anno 1785. thereupon persisted that he, the Lord Authority, should bring his complaints that the English Chief had acted contrary to the Company's privileges before the English Council for a decision, and that the case of Souraabjee Mand Chergie, mentioned here above, should also be brought before the same Council; thus his Honor submitted to the meeting for consideration how this affair should now be further handled. And after this had been deliberated upon with all attention, it was taken into consideration that making a public complaint is a voluntary act to which no one can be compelled as long as he is not disposed thereto of his own accord or under necessity; and that apart from the fact that all complaints to an assembly against the head are odious and ought therefore to be avoided as long as possible, it is certain in the present case that if on the one hand the English Chief might see fit to deny that he gave orders for such a proceeding, it would be difficult to prove such, and that if on the other hand he saw fit to acknowledge this conduct, one would, in leaving the judgment on their Chief's conduct to the Surat Council, also leave to them the decision regarding the Company's privileges. On account of all of which it was approved and understood not to make any public complaints to the English administration regarding the aforementioned incident with the brokers for the present, but to await what consequence the complaints made by the Lord Authority to the English Chief will have, and to what extent the same will have the desired effect hereafter. Yet, because it is of too great consequence that foreign merchants 198: 199: The 18th of June, anno 1785. administration as governor. The solicitors of the Moorish seamen released twice from their detention. merchants are held to the observance and fulfillment of such contracts as they conclude and enter into with the brokers concerning the Company's merchandise, while the governors of the city, according to the firmans, are obliged to assist the Company therein, but to dispatch a letter to the English administration, also in the capacity of Governor of the Castle, with the request that they please compel the said Souraabyee Mandchergie to receive and pay for at once the remaining fifty-one cannassers of powder sugar, out of such one hundred and one as he bought from the brokers on the 15th of April last, in compliance with the aforesaid contract, which it is further approved to have follow here: Translation of a contract for 101 cannassers of sugar bought by Sourabjee Mandchergie from the brokers of the Dutch Company, Laalla and Paraatjent. In the Gentile year 1841, the 15th of the month Dootij Chiter /: April :/, on a Sunday, delivered to the Dutch Company by the brokers Ram Narain and Taraatjent. I, the writer, Undaroo Souraabjee Mantchergie, with respect to 101, one hundred and one, cannassers of sugar which I have agreed upon and bought, each maon for 6:1:6 3/4 rees, and agreed that for the charges falling thereon two rupees shall be deducted from every hundred within four days' time after the weighing thereof, granted through the intermediary of the brokers Purmanund Samdas and Bhaijsund Raijsund, the purchase is concluded in accordance with the above, and a quarter rupee shall be allowed to the undermentioned broker for every hundred rupees agreed upon by the broker Nagerdass Laaldas. At the foot and signed: I, the writer, Deiroe Souraabje Mandchergie, have signed this in confirmation of the above-mentioned writing for 101 cannassers of sugar to be received from the warehouses of the party from which weighing currently takes place. Finally, the Lord Authority further informed the assembly that his Honor, having with much difficulty secured the release of the solicitors of the Company's seamen, otherwise called crimps, twice from their detention, as appears from what was noted in the resolutions of the 24th of March and 9th of May last, had ordered them, even under penalty of being held under arrest at the wharf, to ensure that a proper receipt be obtained from those seamen who, as appears from the aforesaid resolution of the 24th of March, were sent away and would still be owed their wages, in order to be able to present it to the governors, and thereby in any case prevent them, and through them the Honorable Company, from getting into difficulties with the government in case malicious people should ever appear.

Dutch transcription

196: 197. Den 18=e Iunij A:o 1785:— de Heer Gesaghebber gaff de saek in overweging aan den Raad. klagten tegen de Cheff te doen. Dog dat deese ook van geen ander effect geweest sijnde, als dat voornoemde Cheff blijkens de volgende sijn nade„ „re rescriptie, Abraham Josias Sluijsken schildknaap Directeur voor saeken van de Edele Hollandsche Compagnie Ik heb de Eer te ontfangen den raven van dato deeses, en heb„ „bende overeenkomstig de mijne van heeden morgen den rwen van gisteren overgeweesen aan den Raad moet ik versoeken dat uw hun geliefd te verwittigen in wat maniere ik teegenstrijdig uwe Previler „gien gehandeld heb, op dat een proper weeder antwoord daar toe mag worden gemaekt, sourabjee is even bij mij geweest en heeft onderrech„ „tingen ontfangen om te wagten na de klagten die u tegen hem te maeken, heeft aan de souratschen Cheff en Raad, Ik ben /:onderstond/ Mijn Heer. /:lager:/ uwen gehoorsaamsten needrigsten Dienaar /:Was getekend:/ Thomas Daij /:in margine:/ Souratta den 15:e Junij A:o 1785: Daar op bleef persisteeren, dat hij Heer Gesaghebber Sij„ „ne klagten, als had hij Engelsche Cheff Contrarie ss Compagnies Privilegien geageert, voor den Engelschen Raad ter decisie bragt, en dat de saek van souraabjee Mand Chergie hier vooren vermeld, meede voor denselven Raed gebragt wierde, soo gaff sijn Agtbaare aan de vergaedering in overweginge hoedanig men deese affaire nu verder behandelen sal, Mijn Heer! Ende waar op dan met alle aandagt gedelibereerd sijnde„ soo kwam in aanschouw, dat het doen van een publicque klagte eene vrijwillige daed is waar toe niemand: gedwongen kan worden soo lang hij van selfs daar toe niet gesind of in de noodsakelijkheid is; En dat buijten, dat alle klagten aan een vergadering tegen het opperhoofd hatelijk sijn, en dus gemenageert behooren te worden soo lang immers mogelijk het in het presente geval seker is, dat soo aan de eene verijde den Engelschen Cheff mogte goedvinden te ontkennen dat hij tot sulk een proceduire orders gegeven heeft, het beswaarlijk soude sijn sulx te bewijsen, en dat soo aan de andere kant hij goedvond dit gedrag te avoueeren, men aan den Souratsen Raad in het vonnissen over het gedrag van haeren Cheff, meede geoude overlaeten de beslissing van 's Comp:s voorregten, is verstaan geen publicque om al het welke goedgevonden en verstaan wierd geen public„ „que klagten aan het Engelsche Ministerie, omtrend het voor„ „schreeven gebeurde met de Makelaers nog voor eerst te doen, van maar afte wagten welks gevolg de gedaene klagten van den Heer Gesaghebber bij den Engelschen Cheff sijn sal, en in hoe verre desselve het gedesireerde Effect in het vervolg sal hebben, dog om egter, alsoo het van al te veel gevolg is, dat de vreemde Ende kooplieden 198: 199: Den 18e: Junij Ao: 1785. Ministerie als gouverneur de saakbesorgers der moorse zeevaarende twee maal uijt haare detentie ontslagen. kooplieden worden Gehouden aan de naerkoming en voldoening van soodaene Contracten als met de Makelaars over de koop„ „manschappen van de Compagnie sluijten en aangaan, terwijl de regenten der stad volgens de Firmans verpligt sijn om de Comp „pagnie daar in te assisteeren, eene Missive aan het Engelsche dog Een briefan de Engelchen Ministerie meede in de hoedanigheid van Gouverneur van het van het Casteeld te laten afgaan Casteel te laeten afgaan, met versoek om meegedagte souraabyee Mandchergie te willen verpligten om de nog restant leggende Een en vijftig Cannassers Poeder suijker van soodaene Een hon„ „derd en Een als hij op den 15:e April laastleeden van de Ma„ „kelaars gekogt heeft, ten eersten te ontfangen en te voldoen, tot naerkoominge van het voorsz: Contract, dat al verder goedge„ „vonden woord hier te laeten volgen, Translaat van een Contract voor 101: Cannassers suijker gekogt door sourabjee, Mandchergie van de Makelaars van de Hollandsche Compagnie Laalla en Paraatjent In het Heijdense Jaar 1841: den 15:e van de maand Dootij Chiter /: April:/ op een sondag overgeleverd aan de Hollandse Compagnie door de Makelaars Ram Narain en Taraatjent. Ik de schrijver Undaroo souraabjee Mantchergie ten opsigte van 101: Een honderd en Een Can„ „nassers suijker welke ik overeengekoomen ben en gekogt heb ieder maon voor 6:1:6 /¾, rees en geaccordeerd dat voor de ongelden welke daar opval„ „len twee ropijen sal gekort worden van ieder honderd op vier daegen tijd Eijndelijk gaff den Heer Gesaghebber nog kennis aan de Heer Gesaghebber heeft, de vergadering, hoe dat sijn Edele aan de saakbesorgers van 's Compagnies Zeevaerende, anders sielverkopers genaemd, nae dat blijkens het aangetekende ter Resolutien van den 24:e Maart en 9=e Maij laastleeden, twee maelen uijt haare detentie, met veele moeijte had ontslagen gekregen, hebbende gelast op peene selfs van in de werff in arrest te sullen worden gehouden, om te sorgen dat eene behoorlijke quitancie verkreegen van die Zeevaerende welke blijkens voormelde Resolutie van den 24:e Maart versonden seouden sijn en haare gagie nog te goed hebben souden, ten eijnde die aan de regenten te kunnen vertoonen, en daar door in alle gevalle te voorkoomen, dat sij, en door haar de Ed: Compagnie in moeijelijkheeden met de regering gezaeken, ingevalle er eens kwaedaardige lieden nae het weegen derselver toegestaan door tusschen komst van de make„ „laers Purmanund Samdas en Bhaijsund, Raijsund is overeekomstig het bovengemelde de koopgeslooten, en sal een quart ropij toegestaan worden aan de ondergenoemde Makelaar voor ieder honderd ropias overeengekoomen door de Makelaar Nagerdass Laaldas, /:onderstond en getekend:/ Ik de schrijver Deiroe souraabje Mandchergie hebbe deese geta„ „kend tot vestenisse van het bovengemeld Geschrift voor 101 Cannassers suijker om ontfangen, te woorden uijt de Pakhuijsen van de paatij waar tegenswoordig van uijtgewogen word, nae onderstonden

NL-HaNA_1.04.02_3697_0113 view scan ↗

English

The 18th June Anno 1785: to the Lord Commander regarding the Grassias concerning the Moorish sailors, by the pay bookkeeper. ventured to actually commit arson, just as recently occurred at the stable of the last-mentioned Mr Warden; though it was fortunately discovered and extinguished in time, which consequently led the aforementioned agents to hand over to the Lord Commander a certain native document containing a general discharge from the chief of the Coolies or Grassias, the translation of which is of the following content: Translation of a general discharge executed by the Coolie chief Homjee Chitta to Nunniboo, who delivered the same to the brokers, agents of the seafarers. In the Gentile year 1841, the 6th of the month Vaisakha /: April 1785 :/, the resident of Surat, to Nunniboo. I, the writer, resident of Raje Wassij in the village of Curbhij Boriddraw, named Homjee Chitta, declare to have received for eleven sailors who /: some years ago :/ were sent on board the ships of the Dutch Company, namely Purboo Canna, Chitta Aiha, Juwan Booga, Hurijbaen Bharia, Butna Juwan, Bhamja Bhan, Cussla whirra, Cuddooste Tuljee, sunder Umthar, Kissouw Rutna, and Maaoujee Laalla, all Coolies, five months in hand or advance and two months, and thus their death money. All these accounts I, Homjee Chitta, have received in full up to this day, and if in the future any claim is made for these eleven sailors, then I, Homjee Chitta, shall be answerable for it, as we have settled this matter of our own free will and agreement, and have received our claim in full. And if any dispute should arise hereafter, then Wasnarij Waseij, Mojee Libada Wassijen, and Herrijbhaeij Hawsjee, Coolies, shall answer for it, as we have received in full from the hands of the Dutch Company agents Bhaijdass, Nathoe Kallian, and Pursotumdass the wages, and we have nothing further to claim from them in the future. /: Was signed :/ Coolij Hoomjee Chitta; signed to the above, Coelij Harribhaaij Hassie; signed to the above as guarantor; /: lower :/ as witnesses /: was signed :/ Nund Bhogutt Gowindasf, Noer Mhamet Petta Mahomet, Noer Mahomet Hustan Joma, Jugjuwendass Lekmidas, Mitta wollabram Doollebram, Puttel Nothoojadowja, and Roopha Bhoola; /: further down :/ for the translation according to the statement of the Munshi /: was signed :/ J: J: van Polanen de Bevere, Secretary. That His Honour, in order to ascertain to what extent the assertion of the aforementioned agents was true, namely that all those sailors whose final settlement was now demanded under threat of otherwise setting fire to the gardens of the aforementioned English gentlemen /: a manner of acting that is indeed very common among the Grassias or Coolies :/, had died years ago, and that the settlement of the same had been made and paid, delivered the aforementioned receipt or discharge into the hands of the pay bookkeeper, with orders to confront the same with the pay books and to investigate in what year, with which ships, and under which Sarangs they were sent to Batavia, or whether they are still carried on the books and how their accounts stand there, as well as what reports concerning the same have been received from the capital, and that the said pay bookkeeper thereupon to him Lord Report.

Dutch transcription

201 Den 18e Junij A:o 1785: „dens aan de Heer Gesaghebber ter grassias over de moorse Mattroos„ den soldij Boekhouder. onderstonden om in der daed brand te vertigten, soo als onlangs aan de stal van de laatstgem: M:r Warden geschied; dog nog gelukkig bij tijds ontdekt en geblust was, sulx dan ook van dat gevolg is geweest, dat voormelde saekbesorgers aan hem zeedert zijn door deese Bedien, Heer Gesaghebber hebben ter hand gesteld seker Inlands Hland gesteld Een Geschrift der geschrift bepelsende een generaal ontslag van het opperhoofd der Koelijs off Grassias, welkers Translaet van de volgende inthoud is, Vertaeling van een generael ontslag, gepasseert door het koelijs op„ „perhoofd Homjee Chitta, aan Nunniboo die het selve heeft ter hand gesteld aan de Makelaarss saekbesorger der seevaarende, In, het Heijdense Jaar 1841, den 6:e van de maand voijsakoode /: april 1785: / den Inwoonder van Souratta, aan Nunniboo - Ik den Schrijver inwoonder, van Raje Wassij in het Dorp Curbhij Boriddraw, genaamd Homjee Chitta, verklaerd ontfangen te hebben voor Elff Mattroosen, welke /: voor eenige Jaaren:/ gesonden sijn aan boord van de scheepen van de Hollandse Compagnie te weeten, Purboo Canna, Chitta Aiha,„ Iu„ „wan Booga, Hurijbaen Bharia, Butna Juwan, Bhamja Bhan, Cussla whirra, Cuddooste Tuljee, sunder Umthar, Kissouw Rutna, en Maaoujee„ Laalla, alle Coelijs vijff maanden op hand of avans en twee maanden en alsoo haer doode geld alle deese rekeningen heb ik Homjee Chitta ten vollen ontfangen tot deese dag, en soo er in het vervolg eenige aanspraek voor deese elf Mattroosen word gemaekt, dan sal ik Homjee Chittas daar voor aanspreekelijk sijn, alsoo we deese saek vereevend hebben bij onse vrije wille en overeenkomst, en hebben ten vollen onse vordering ontfangen, en soo er eenig verschil nae deesen rijsen mogten, dan sullen wasnarij waseij, en Mojee Libada wassijen Herrijbhaeij Haws„ „jee, Koelijs daar voor verantwoorden, alsoo wij van de Hollandsche Compagnies saekbesorgers Bhaijdass, Nathoe Kallian, en Purso„ „tumdass, ten vollen uijt haare handen de gagies ontfangen heb„ Dat sijn Agtbaare, ten eijnde te ontwaeren in hoeverre deselve gesteld in, handen van het geavanceerde van de voormelde sackbesorgers de waarheid was dat namentlijk alle die Mattroosen welkers afrekening thans begeerd wierd, onder bedreijging van anders de tuijnen der voormelde Engelsche Heeren te sullen in brand srteeken, / eene maniere van handelen die in der daed bij de Grascias of koe„ „lijf seer gemeen is :/ voor Jaeren gestorven waeren, en de afreken„ „ing van deselve gedaan en betaald was, de voorschreeven qui„ „tancie of ontslag gesteld heeft in handen van den soldij boekhou„ „der, met order om deselve tegen de soldij boeken te Confrontee„ „ren en na te gaan in wat Jaer, met welke scheepen en onder wat Sarangs nae batavia versonden sijn of nog bij de boeken voortloopen en hoedanig haare rekeningen aldaar staan, dan en deese heeft gediend van een wel welke berigten van deselve van de Hoofd plaats ontfangen sijn, en dat gedagte soldij boekhouder daar op aan hem „ben, en wij op haar in het vervolg niets te vorderen hebben /:Was„ geteekend:/ Coolij Hoomjee Chitta, getekend tot het bovenstaande Coelij Harribhaaij Hassie, getekend tot het bovenstaande als borge /:lager/ als getuijgen /:was geteekend:/ Nund Bhogutt Gowindasf, Noer Mhamet Petta Mahomet, Noer Mahomet Hustan Joma, Jugjuwendass Lekmidas, Mitta wollabram Doollebram, Puttel Nothoojadowja, en Roopha Bhoola, /:nog lager:/ voor de Translatie volgens opgaeve van de Moensij /:was getekend:/ J: J: van Polanen de bevere Secretaris, „ben Heer 200: „sen. Berigt.

NL-HaNA_1.04.02_3697_0114 view scan ↗

English

The 18th June Anno 1785. The Governor has made the following report, to come here to the native government: To the Honorable, Worshipful Sir, Abraham Josias Sluijsken, Governor and Commander-in-Chief of this Directorate. Honorable, Worshipful Commanding Sir! In dutiful observance of Your Honorable Worship's esteemed written order of the 13th instant, annexed to this as well as to the copy translation of the general release mentioned therein, the undersigned pay-bookkeeper has the honor to inform Your Honorable Worship, That on the 11th February 1772, with the ship Het Veldhoen under the Sarang Dooraabchan Mhamedchan, there was dispatched as sailor Keesouw Rama, given in the translation as Keesouw Rutna. This person died on the 27th December 1776 on his return journey on the ship Ouwerkerk, and on the 28th February 1777 his outstanding wages were handed over to the family. That on the 27th April 1772 per the ship 's Comp:s Welvaaren were dispatched from here: d:/ under the crew of the Sarang Sjeeg Noermhamet Latief: Soender Naikje, named in the translation Sunder Umtham; this person died at Batavia on the last day of March 1776, and his outstanding wages were handed over to the family. Kassela Nanna, in the translation Cusla Wierrha; this man died at Batavia as early as the date 8th October 1772, and his adverse balance with the Honorable Company was settled. Biemla Jabaan, in the translation Bhamje Bham; this person died at Batavia on the date of the last day of November 1776, and his outstanding amount was paid to his family. b:/ under the crew of the Sarang Rasem Kasie: Herria Kalla, in the translation Hurrijbain Bharia; this person was found absent at the muster, and thus not entered into the books, nor was any bounty money validated to the crimps. And since it appeared from the aforesaid report that all the listed persons have already been deceased for a long time, and in order to prevent further difficulties their settlements have been made and delivered, the Governor, with the forwarding of the aforesaid receipt or general release, had notified the government yesterday by having it proposed to the native government, Suwan Bawa, in the translation Juwan Booga; according to report received from Batavia this man died on the date of the last day of March, Anno 1775, and his outstanding wages were delivered to his family. Jietha Oeka, in the translation Chitta Lha; this person, according to news received, died at Batavia on the last day of November 1775, and his outstanding wages were dealt with in the same manner. Parboe Waka, in the translation Purboe Canna; this man died on the date of the last day of December 1775, according to news received from Batavia, and his outstanding balance was handed over to his family. That on the date 27th December 1772 per the aforementioned ship 's Comp:s Welvaaren, under the crew of the Sarang Abdereeman Sjeeg Iismaal, were dispatched from here: Mouwjie Cussormjie, in the translation Mhouje Laalla; this person, according to news received from Batavia, died there on the last day of November 1774, and his outstanding wages were paid here to his family. Rettena Jietra, in the translation Rutna Juwan; this man likewise, according to news received from Batavia, died there on the last day of March 1775, and his outstanding wages were dealt with as above. The Cuddoosje Fuljie still mentioned in the translation cannot be found in the pay-books, and according to the statement of the crimps, such a person was indeed engaged in 1772 and provided by them with board, gear, and bounty money, but to their loss he managed to absent himself by flight just before the dispatch. In the hope that this report will meet the esteemed intention of Your Honorable Worship, I have the honor to be with high esteem, beneath stood: Honorable, Worshipful Commanding Sir. Lower: Your Honorable Worship's very obedient servant, was signed: M:s Monte. In the margin: Souratta the 17th June Anno 1785.

Dutch transcription

202: 203: Den 18:e Junij A:o 1785:. te komen hier van aan de Inland„ Heer Gesaghebber heeft gedaan het volgende berigt, Aan den WelEdelen Agtbaaren Heer Abraham Josias Sluijsken Gesaghebber en Hoofd Gebieder deeser Directie Wel Edele Agtbaare Gebiedende Heer! Ter pligt schuldige observantie aan uwel Ed:e Agtb:r g'Eerde schriftelijke ordonnantie van den 13:e dee„ „ser, deese soo wel als het Copij Translaat gene„ „raal ontslag bij deselve vermeld, bij gevoegd, heeft den ondergeteekenden soldij boekhou¬ „der D'Eer Uwel Edele Agtbaare te berigten, Dat op den 11:e Februarij 1772: met het schip het veldhoen onder den Sarang Dooraabchan Mhamedchan, als mattroos is versonden Keesouw Rama bij Translaat opgegeeven voor Keesouw Rutna deese persoon is op den 27:e xber: 1776: op sijn herwaards reijse op het schip ouwerkerk overleeden en op den 28:e Februarij 1777, is sijn te voorenstaande gagie aan de famielje afgelangt, Dat op den 27:' April 1772. per het schip 's Comp:s welvaaren van hier versonden sijn, d:/ onder de ploeg van den Sarang sjeeg Noermhamet Latief, Soender Naik„ „je bij Translaat genaemt sunder Umtham, deese persoon is ult:mo mo maart 1776, op batavia overleeden, en deselfs te voorenstaande gagie aan de famielje afgelangt, Kassela Nanna, bij Translaat Cusla wierrha, deese is al in dato 8:e October 1772 op batavia overleeden en desselfs te quaat saldo op De E: Comp: verevent, Biemla Jabaan bij Translaat Bhamje Bham, deese persoon is in „dato ult:o November 1776. op batavia overleeden en sijn te vooren„ „staande bedraagen is aan desselfs famielje afbetaald; b:/onder de ploeq van den Sarang Rasem Kasie, Herria Kalla, bij Translaat Hurrijbain Bharia, deese persoon is bij den monstering absent bevonden, en dus niet bij de boeken ingenoomen, nog geen En vermits bij voorsz: berigt kwame te geblijken dat alle de opgegevene persoonen bereets voor lange overleden en om erder moeijlijk heeden voor haere afrekeningen gedaan en afgegeven sijn, soo had hij Heer „se Regeering kennis gegeeven. Gesaghebber met toesending van de voorsz: quitancie of Ge„ „neraal ontslag aan de Regering op gisteren doen voorstellen, handgeld aan de sielverkoopers gevalideert, Suwan Bawa bij Translaat Juwan Booga Conform van Batavia ontfangene berigt is deese man in dato ult:o Maart, A:o 1775: overleeden en dies te voorenstaande gagien aan sijn famielje afgegeven, Jietha oeka bij Translaat Chitta lha dese persoon is Conform ontfangene tij„ „ding ult:o November 1775. te batavia overleeden en met dies te vooren„ „staande gagie in voegen als even gehandeld, Parboe waka bij Trans„ „laat Purboe Canna deesen is in dato ult:o xber: 1775: Conform van Batavia ontfangene tijding overleeden en sijn te voorenstaande Saldo aan desselfs famielje afgelangt, Dat in dato 27:e xber: 1772 p:r het evengenoemde schip 's Comp:s welvaaren, onder de ploeg van den Parang abdereeman sjeeg Iismaal van hier versonden sijn, Mouwjie Cussormjie bij Translaat Mhouje Laalla, deese persoon is vol„ „gens ontfangene tijding van batavia aldaar op ult:o 9ber: 1774: overlee„ „den en desselfs te voorenstaande gagie is alhier aan sijn famielje betaeld, Rettena Jietra bij Translaat Rutna Juwan deesen is meede Conform van Batavia ontfangene tijding aldaar op ult:o Maart 1775, overleeden en met dies te voorenstaande gagie als boven gehandeld, Den bij Translaat nog opgegeevene Cuddoosje Fuljie is bij den soldij boe„ „ken niet te vinden en volgens opgaaf van de sielverkoopers is in 1772: wel een soodaenig persoonen aangenoomen en door haar kost Plunderagie en hand geld verstrekt maar denselven heeft sigten haaren schaade Even voor de voorsending door de vlugt weeten te absenteren, In hoop dat dit berigte aan de g'Eerde Intentie van uwel Edele Agtbaare sal voldoen magtig ik mij de Eer aan met Hoogagting te sijn, /:onderstond:/ WelEdele Agtbaare Gebiedende Heer. /:lager:/ Uwel Edele Agtbaares seer Gehoorsaame Dienaar /:was getekend:/ M:s Monte, /:in margine:/ Souratta den 17:e Junij A:o 1785. handgeld hoe 1: 11: 1V: I1:

NL-HaNA_1.04.02_3697_0115 view scan ↗

English

Monday, the 11th of July Anno 1785, before noon. Present: The Honorable Abraham Josias Sluijsken, Director; Egbert Nicolaas Wiardi, Junior Merchant and Warehouse Keeper; Mattijs Monte, Titular Junior Merchant, Fiscal, and Pay Bookkeeper; Jan Jacob van Polanen de Bevere, Junior Merchant and Secretary of Policy; George Christoffel Roeff, Bookkeeper and Acting Cashier. how it had now become evident not only from the books but also from the aforementioned receipt that the families of these deceased seafarers in fact had nothing to claim, and that these threatening letters or extortions were thus solely designed and intended to extort money from the innocent and to force them to pay a second time for what had already been settled, and His Honor therefore reasonably expected that the aforementioned agents would in the future be left unmolested, and that the Government, having undertaken to leave these people undisturbed henceforth and to persuade Mr. Green to return the bond of the said agents, mentioned in the Resolution of the 24th of March last, this matter was thereby brought to a conclusion, of all of which the said Director caused this note to be recorded. Thus done, resolved, and decreed in the Dutch Trading Post of Souratta on the day, month, and year aforesaid. Signed: A: J: Sluijsken, E:t N:s Wiardi, M:s Monte, J: J: van Polanen de bevere, and G: C: Roeff. Initially, it was recorded: That the last preceding Resolution of the 13th of June was duly resumed and approved on this day; That on the 23rd of the aforementioned month, one of the sepoys belonging to the garrison, having gotten into an argument with one of the servants of the City Governor, bit a piece off his ear and otherwise wounded him; that the said sepoy was thereupon indeed apprehended by a guard of the Nabob's people and placed in the Durbar, but immediately, upon the protest of the Director, was released from there and transferred to the Yard, where he was subsequently punished with the customary military punishment; That on the 30th of June the general muster was held according to orders, and nobody was found missing; That the matter between the brokers and the Persian merchant Souraabjee Mandchergie, described in detail in the Resolution of the 18th of June last, has been settled, as the latter certainly found no support with the English government and decided to receive and pay for the remaining sugar; Yet that Mr. Green has thus far refused to return the bond of the crimps, also mentioned in the aforementioned Resolution, under the pretext that it allegedly does not appear that these same Coolies or Gracias, whose receipt or discharge the agents produced, are the same ones who made the initial demand under threat of arson; And finally, that the notarial protocols, which according to the Resolution of the 9th of May last were entirely decayed and destroyed by white ants, have, as evidenced by their report, been properly packed into a wine chest by the Bookkeepers de Sille and Wolff and handed over to Warehouse Keeper Wiardi, by whom they were stored in the Company's stone warehouse. Their High Excellencies, having ordered in their honored dispatch of the 10th of August of the past year to take proper care that the 26497 rupees which are secured from the old debts of the brokers are collected as soon as possible in reduction of the same debts, the Director furthermore had it recorded that, however much His Honor had expected that these funds would have been collected before or after the departure of Trompenburg, he had until now been unable to collect them, as the Banyan merchant with whom this sum is secured and who bound himself to pay it has for some time sought to postpone payment under the pretext of the flight of Bouwmandzen, but has now finally undertaken to deposit it in cash as soon as possible and at the latest in the month of November next. Hereafter, the Director informed the meeting that, it having appeared to him that the pay accounts of those who died during the period of captivity as prisoners of war,

Dutch transcription

204: 205: Een sipaij van het Guarnisoen rusie gehad met een bediende van de Nabab. deselve met de gewoone mili„ „taire straffe afgestraft. hoe het nu niet alleen bij de boeken maar bij de voormelde quitantie gebleek dat de familien van deese overledene Zeevaarende in der daad niets te vorderen hadden, en dat 6 Den EE: Agtbaaren Heer Gesaghebber Abraham Josias Sluijsken deese brandbrieven of dreijgementen dus maar alleen geschikt Den Onderkoopman en Pakhuijsmeester Egbert Nicolaas Wiardi en ingerigt waeren om de onschuldigen geld af te pressen Till:s onderkoopman, Piscaal en soldij boekhouder Mattijs Monte en ten tweeden maale te doen betaelen, wat al eens voldaan hadden, en ssijn Edele dus met reeden verwagte dat de meer, „ onderkoopman en Secretaris van Politie Jan Jacob van Polanen de Bevere Boekhouder en Wuarnemend Cassier George Christoffel Roeff. „gedagte saekbesorgers in den aanstaende ongemolesteerd sullen worden gelaeten, en dat de Regeringe hebbende aan„ „genoomen om deese lieden nu omgestoord te laaten en om de Heer Greenste persuaderen, om de borgtogt van de gedagte Saekbesorgers; vermelde bij Resolutie van den 24e. Maart laetstleeden, te rug te geeven, deese saek daar meede ten eijnde gebragt was, van al het welke gemelde Heer Gesaghebber deese aantekening houden liet; Aldus Gedaan Geresolveerd en Gearresteerd in 't Nederlands Comptoir Souratta ten daage maand en Jaare voormeld, /: was getekend:/ A: J: Sluijsken, E:t N:s Wiardi, M:s Monte, J: J: van Polanen de be„ „vere en G: C: Roeff: Aanvankelijk wierd aangetekend Dat de laatst voorgaande Resolutie van den 13e Junij behoorlijk op heeden geresumeert en g'approbeerd is, Dat op den 23:e der voorschreeven maand eene der Sipaeijs behoorende tot het Guarnisoen in rusie geraakt sijnde met eene der bedienden van den Heere Stads Gouverneur den sel„ „ven een 'stuk van sijn oor gebeeten en andersints gewoord, heeft, dat geseijde sipaij daar op wel door eene wagt van des Nabobs volk opgevat en in den Derbaar geset dog immediaet op de reclame van den Heer Gesaghebber van daar losgelaten en op de Werff overgebragt is, alwaer hij ver„ volgens met de gewoone militaire straffe is afgestraft Maandag Den 11e: Julij Ao 1785. voor de Middag Maandag geworden, Present 206: 207: Den 11e Julij Ao 1735. de Generaale monstering is vollbragt. de zaak van Sourabjee is afgedaan. Mr Green weijgerd om de Schrif¬ „telijke verbintenis van de sielverkopers te rug te geeven. de onbrq: protecollen is een kas afgepakt & in de Lattij geleponeert. tot ro/as 26497 zal in Novem„ geworden, Dat den 30:e Iunij de Generaele monstering volgens de ordre gedaan en daar bij niemand vermist bevonden is, Dat de saak tusschen de Makelaars en den Persisch koopman souraabjee Mandchergie omstandig beschreeven ter Resolutie van den 18=e Junij Jongstleeden, afgedaan is, als hebbende de laestgemelde sekerlijk geen heul bij de Engelsche regeringe gevonden en besloten om de nog resterende suijker te ontfangen en te voldoen; Dog dat M:r Green tot nog toe geweijgerd heeft om de bergtogt van de Sielverkopers meede bij voorsz: Resolu„ „tie vermeld, te rug te geeven, onder voorwendsel dat het niet geblijken soude, dat deese selfde koelijs of Gracias, wel„ „kers quitancie of ontslag de saekbesorgers hebben gepro„ „duceerd deselve sijn welke de eerste vorderinge, onder bedreijging van brand te sullen stigten hebben gedaan, En eijndelijk dat de Notariele Prothocollen die volgens Resolutie van den 9=e Maij laastleeden ten eenen maele bedorven en door de witte mieren vernield sijn, door de Boekhouders de Sille en Wolff blijkens derselver Rapport behoorlijk in een wijn kas afgepakt en aan den Pakhuijs„ „meester wiardi overgegeven sijn, door dewelke se in 's Comp:s steene Lattij sijn Geborgen; Haar Hoog Edelheeden bij gevenereerde Missive van den 10=e aug:s des gepasseerden Jaars, hebbende gelast, om behoorlijke sorge te bedraegen dat de rop:s 26497: —: welke van de oude schuld der makelaars de oude Schulden der Makelaars versekerd sijn in minderinge „ber aanlaande in hassa komen van deselve schulden, soo dra mogelijk te binnen konnen, soo liet de Heer Gesaghebber al verders aan tekenen, dat hoe seer sijn Edele ook verwagt had dat deese gelden voor nae het vertrek van Trompenburg souden te bin„ „nen gekoomen sijn, hij tot dies invordering tot nog toe on„ „vermogens was geweest, alsoo den Benjaens koopman onder welke deese somma versekerd is en die sig verpligt heeft deselve te betaelen serderd eenigen tijd de betaeling heeft „soeken te verschuijven onder pretext van de vlugt van Bouwmandzen, dog nu eijndelijk aangenoomen heeft om die in Cassa te doen soo ras mogelijk en ten langsten in de maand van November eerstkoomende, Hier nae gaff den Heer Gesaghebber aan de Vergade¬ „ring te kennen, hoe dat hem gebleeken sijnde, dat de soldij reekeningen van de geduurende de tijd der krijgsgevangenisse „meester overleeden,

NL-HaNA_1.04.02_3697_0117 view scan ↗

English

The 11th of July Anno 1785. Van der Sleijden and Heijdeman, still being debited for the balance of Bangeman's estate, having a fiscal process against Monte. The deceased merchant and chosen Chief Administrator of the pay accounts Van der Sleijden, and also the chosen First Factor of Brootchia Heijdeman, were still in arrears and debited, the former for ƒ1629:9:10 and the latter for ƒ1062:16:7. His Honour would therefore have been obliged to order the Fiscal Monte to proceed against their estates, according to the order for the indemnification of the Company, were it not that the debit on account of which this arrears arises had its origin in a portion of such sum of ropias 19061:28 for which the Members of the Council of Anno 1774, and among them also the aforementioned deceased, were debited according to the letter of the Lords Majors of the 8th of October 1777 and Their High Nobilities' command of the 8th of August 1778, by Resolution of the 2nd of November of the last-mentioned year, for the balance of the estate of the previously deceased senior merchant and Secunde Bangeman, provided they retain their recourse against the Fiscal Monte himself, as having also been Executor of the aforesaid estate. Which debit amounted for the former to ropias 3107:41 or ƒ3729:3:3, and for the latter to ropias 1657:25 or ƒ1989:—:3, both Dutch currency, and whereupon by the aforementioned Monte, according to the Resolution of the 24th of March 1779, among other things was paid to the Company in reduction of the debit of Van der Sleijden ropias 706:17, and of that of Heijdeman ropias 376:35, so that the original debit has remained for the first-named ropias 2401:24 and for the last-named ropias 1280:38. And for which reasons, he, the Lord Administrator, now finds himself obliged to propose to the members of the meeting the appointment of a Fiscal pro tempore in this matter, with instructions to maintain ex officio the right that both aforementioned deceased Van der Sleijden and Heijdeman hold against the aforesaid junior merchant Monte, in the manner as was done with respect to the right of the also deceased junior merchants Sontag and Timmerman according to what was recorded in the Resolution of the 22nd of November 1779 and the 18th of January 1780, unless the aforementioned junior merchant and fellow member of this meeting Monte might think fit to assume their remaining amounts of ropias 2401:24 and 1280:38 ropias, or respectively together ropias 3682:14. Whereupon it was declared by the Fiscal Monte that he undertakes to pay the aforesaid sum of ropias 3682:14 into the Treasury, however oppressive such compensations are also for him after having been a prisoner of war for four years and deprived of all benefits, indeed almost of a meager living; nevertheless with this request that, if he sees fit, he may be permitted to address Their High Nobilities further regarding these debits in order to be relieved of the same. Thus it was approved and agreed to keep this record thereof, and to cause the pay accounts of the said deceased merchant Van der Sleijden and junior merchant Heijdeman to be credited again, the former for ropias 2401:24 and the latter for ropias 1280:38, both heavy or Dutch money, after the aforesaid sums shall have been paid into the Treasury by the aforementioned Fiscal Monte. On this occasion, the Lord Administrator further gave the meeting to know how his Honour's pay account had also been debited at the same time, for the same reasons, and under the same reservation as those of the merchant Van der Sleijden and junior merchant Heijdeman mentioned hereinbefore, for a sum of ropias 5179:37 or ƒ6215:14:8 heavy money, and on which, an amount of ropias 1097:13 having been paid by the aforementioned Fiscal Monte among other things, the same debit still remained ropias 4082:24. That he, the Lord Administrator, being very desirous to see his account relieved of this debit, and convinced of the utter impossibility in which the junior merchant Monte also presently finds himself to satisfy it, had decided to pay this sum into the Honourable Company's Treasury under express reservation of his recourse against the aforementioned junior merchant Monte. Whereof it was agreed to keep this record, and that upon receipt of the aforesaid ropias 4082:24, the pay account of the said Lord Administrator shall again be credited for that amount. The fellow members of this meeting, Van Polanen, De Bevere, and Roeff, having carefully examined on the written order of the Lord Administrator all the insertion of the report of Bevere and Roeff concerning the carpentry and repairs, his share in that debit account was also credited.

Dutch transcription

209 Den 11e Julij Ao: 1785. der Hleijden en Heijdeman nog belast zijnde voor het saldo van Bangemans boedels - monte hebbende een fiscaal prot contra monte. overleeden, koopman en g'Eligeerd Hoofd Administrateur van de soldij reekeningen van van der serleijden, en meede g'Eligeerd Eerste Factoor van Broot„ „chia Heijdeman nog ten agteren en debet stonden, die van den Eerstgemelden ƒ1629:9:10: en die van den laast„ „genoemde ƒ1062: 16:7: sijn Agtbaaren daarom genoodsaekt soude sijn den Fiscaal Monti te gelasten; om tegen derselver Nalatenschappen te procedeeren, na de order ter schadeloos stelling van de Maatschappij, so de belasting uijt welkers hoofde dit agterweesen voortspruijt niet sijn oorsprong had uijt een gedeelte van soodaene somma van rop:s 19061:28: als waar voor de Leeden van den Raad van A:o 174. en daar onder meede de voormelde overledenen, volgens het aanschrijven der Heeren Majores van den 8=e October 1777. en Haar Hoog Edelheedens bevel van den 8:e Aug:s 1778. bij Resolutie van den 2:e November des laastgemelden Jaars sijn belast geworden voor het saldo van de Nalatenschap des boedels van den voor overledenen opperkoopman en Secunde Bangeman, mits behoudende voorm. hun guarand op den Fiscaal Monte selven, als geweest sijnde meede Executeur van de voorsz: Nalatenschap welke belasting is groot geweest van de Eerstgemelde rop:s 3107:41: of ƒ 3729: 3:3: en van den laastgenoemde rop:s 1657: 25: of ƒ1939:—:3: beijde Nederlands geld en waar op door voormelde Monte blijkens Resolutie van den 24:e Maart 1779 aan de Comp: onder meerder sijn betaald in mindering van de belastinge van, van der sleijden rop:s 70b: 17: en van die van Heijdeman rop:s 376: 35: de oorspronkelijke belasting nog gebleeven is van den Eerst genoemde rop:s 2401: 24: en van de laaste ropias 1280:38:, En om welke reedenen, hij Heer Gesaghebber Sigthans en hun guarand op den fiscal genoodsaekt vind, om aan de Leeden der vergaderinge voor tempore te verkiesen en officio te slaan het benoemen van Een Fiscaal pro Temporo in deese saak met last om ex: officis waar te neemen het regt dat beide voormelde overleedenen van der sleijden en Heijdeman op voorsz: Sitt:rn onderkoopman Mante Competeerd in voegen als sulx geschied is, ten aansien van het regt van de meede overledenen onderkooplieden sontag en Timmerman blijkens het aangeteekende bij Resolutie van den 22:e November 1779. en 18:e Januarij 1780, ten waare dan nog dat den voorm:t onderkoopman en meede welke Lid 208 240 Den 11e Julij A:o 1785. : dit beide bedragen tot was 3632:14: in Cas: te voldoen, niet versoek daaromtrend. der sleijden en Heijdeman daar voor te Crediteeren. de Leeden des raads van Pola„ „trend de Timmerage &n reparatie. zijn aandeil in die belasting reekening ook gecredeteerd. Lid deeser vergaedering Monte goedvinden mogte om derselver restant tot zop:s 2401: 24: en 1280: 38: rop:s ofte resp: te samen rop:s 3682:14: aanteneemen, Waar op door den Fiscaal Monte Sijnde verklaard, dat hij aanneem de voorsz: somma van rop:s 3682: 14: in Cassa te betaelen, hoe drukkende diergelijke vergoedingen, ook voor hem sijn na dat vier Jaeren krijgsgenangen en van alle voorm: monte nevenstaan, voordeelen, Ja genoegsaam van een sober bestaan verstooken geweest is, egter met dit versoek dat hem des goedvindende mag worden toegestaan, hij ten opsigte van deese belastin„ „gen nader te addresseeren aan Haar Hoog Edelheeden ten eijnde van deselve te worden ontheeven, soo wierd goedgevonden en verstaan hier van deese aantekening te houden, en om de soldij rekeningen van ge„ „dagte overleedenen koopman van der sleijden, en onderkoop„ „man Hleijdeman wederom te doen Crediteeren de eerst gem: de soldij rekening van van voor rop:s 2401: 24: en de lastgem: voor rop:s 1280:38: beijde Swaar of Nederlands geld na dat de voorsz: somma door meer genoemde Fiscaal Monte in Cassa sullen sijn geteld, de betaelinge in Cassa van de voorm: belastingen of eijgelijk den Heer Gesaghebber betaalde verder aan de vergadering te kennen, hoe dat sijn Ed:e Ter deeser geleegentheid gaff den Heer Gesaghebber al behouders guarand en diese zijn soldij reekening ter selver tijd, uijt deselve oorsaaken, en onder het selve voor behoud als de hier vooren gemelde van den koopman van der sleijden en onderkoopman Heijdeman meede belast geworden is, voor een somma van ro p:s 5179:37: of ƒ6215:14:8: swaar geld, en waar op door den meergenoemde Fiscaal Monte onder meer betaald ssijnde eene somma van ro p:s 107:13: deselve belasting als nog gebleeven is rop:s 402: 24, Dat hij Heer Gesaghebber Seer verlangende om Sijne reekening van deese belasting ontheeven te sien, en overtuijgd van de genoegsame onmogelijkheid in welke de onderkoop„ „man „Monte sigthans meede tot dies voldoening bevind, te raaden was geworden; deese somma onder expresse reserve van sijn guarand tegen voorm: onderkoopman Monte in 's E: Comp:s Cassa te tellen, waar van verstaan wierd deese aanteken„ „ing te houden, sullenda na den ontfangst der voorsz: rop:s 4082: 24: de soldij reekening van wel melde Heer Gesaghebber voor dies bedraegen wederom moeten worden gecrediteerd, De meede Leeden deeser vergadering van Polanen de Insertie van 't rapport van bevere en Roeff op schriftelijke ordonnantie van den „nen de bevere en Roeffom Heer Gesaghebber, naeuwkeurig hebbende g'examineerd, Ter alle 211

NL-HaNA_1.04.02_3697_0119 view scan ↗

English

212 213 The 11th of July Anno 1785. all the repairs and carpentry work performed both by the Equipment Overseer and by the Modi, mentioned in the Resolution of the 24th of March last, have delivered the following written Report thereof, To the Honorable Respected Sir Abraham Josias Sluijsken Governor and Commander-in-Chief over the Honorable Company's Trade and Operations here. Honorable Respected Sir. In accordance with the respected ordinance of Your Honorable, we have the honor to serve below with a respectful report regarding our findings after a careful examination of the renewals, repairs, and restorations made on the Honorable Company's shipyard by the Equipment Overseer. Firstly: The flagpole, with its accessories, is in a proper condition, and according to the statement of the Equipment Overseer the Mast itself is somewhat taller, but the topmast a good 10 to 11 feet shorter than the previous one, also being four trestletrees each of two pieces joined together with sufficient iron bolts and bands. Secondly: The bell house, with what belongs to it, is in a completely good condition. Thirdly: The large pier is good and strong, there being newly made for it 16 uprights, 8, 8½ to 9 rods deep in the ground, according to the statement of the Equipment Overseer 11 horizontal beams, 2 locking beams and 6 cross beams, along with 2 walings. Likewise newly made for the small pier are 12 piles, deep in the ground as above, 7 horizontal beams, 2 locking beams and 4 cross beams, along with 4 walings, and thus according to our opinion both these piers are very good, solid, and strong, as are also the two water gates, very sufficient and thus also good. Fourthly: The repaired railing along the river side is also proper and in a good condition, except that it is not yet painted. After which we viewed and properly examined the two repaired fire engines, and found them proper and without any leakage; double iron cranks have also been newly made, which are very solid and strong, by which double pump levers can now be used, just as we also found the newly made hoses and 25 pieces of fire buckets very good and sound. Next, also in compliance with the contents of the aforesaid respected ordinance, we went to the house of Your Honorable and there carefully examined the outbuildings, warehouses, etc., built of brick by the Modi according to the contract, and found it as we have the honor to report extensively to Your Honorable below. The old hall on the ground plan of the Yard marked with the Letter G, 60 feet long and 16 feet wide. The Secretariat or consultation room marked H, 16 feet long and wide. The pantry with 2 small rooms before it, 22 feet long and as wide as the aforementioned. Six small rooms or quarters for slaves, with a woodshed behind them, 60 feet long and 15 feet wide. And finally a warehouse behind the galley, 17 feet long and 10 feet wide, all built of brick, the outer walls well over a foot and the inner walls one brick thick. Furthermore, also built of brick: A guardhouse for the peons with two rooms, one for the Company's Modi, and one for the Munshi, 47½ feet long and 13 feet wide, all of which accords with the contract made with the aforesaid Modi and described in the Resolution of the 24th of March last. Of the brick wall along the Yard on the south-west side we can report nothing with certainty to Your Honorable as yet, as it is finished no further than from the end of the new piling on the plan marked Lit. O, the horse stable and others being repaired at present, to behind and to the side of the coach house, the smithy, and the bakery. The new piling in front of the stable on the south-west side of the Director's House, in front of and along the stable to the corner or the end of the Yard, we found the length thereof to be 130 feet, and it is made of 40 piles with six anchors or land ties, 16 feet deep in the ground and 13 high above the ground, and each pile at a distance of 3 feet from the other. The planks of the revetment are two inches thick, and the revetment begins 8 feet in the ground and is thus 26 feet high, and thus very good and also fully according with the Contract. Finally, we also have the honor to serve Your Honorable with a respectful report of our findings regarding the Hospital, that the aforesaid Modi has fulfilled the contract concluded with him, under which he undertook the repair of the entire Hospital, as well as the rebuilding of the walls blown down by the wind in the rear upper house, renewals of doors and windows with a portion of the roof, all of which has been properly and well done; In the expectation that we hereby to Your Honorable's respected ordinance Next

Dutch transcription

212 213 Den 11e: Julij Ao: 1785. alle de gedaene reparatien en timmeringen soo wel door den Equi„ „pagie opsiender als door de Moedij vermeld ter Resolutie van den 24:en Maart laatstleeden, hebben daar van overgegeven het ondervolgende Schriftelijk Rapport, Aan den WelEdelen Agtbaaren Heer Abraham Josias Sluijsken Gesaghebber en Hoofd Gebieder over 'S: S: Comps Handel en ommeslag alhier. Wel Edele Agtbaaren Heer. Volgens g'Eerde ordonnantie van UwelEdele Agtb: hebben wij d'Eer hier onder te dienen van Eerbiedig rapport weegens onse bevindingen na nauw„ „keurige examinatie der door den Equipagie opsiender gemaekte vernieuwin„ „gen en gedaane reparatien en herstellingen op 's: S: Comp: werff„ Eerstelijk :/ Is de vlagge mast, met sijn toebehooren, in een behoorlijke staat, en volgens opgaeve van den Equipagie opsiender is de Mast selve eenigsints hooger, dog de steng wel 10 â 11: voeten korrter, dan de voorige, ook sijnde vier stulten ider uijt twee stukken met sufficante ijsere bouten en banden te saemen gevoegd, Ten Tweeden:/ Is het klokken huijs met het geen er toebehoordin een volkoomen goeden staat, Ten Derden:/ Is het groote Hoofd goed en sterk als sijnde daar toe 16: standers, 8: 8½ â 9. rodten diep in de grond, volgens opgaeve van den Equipagie opsiender 11: legbalken 2 sluijt- en 6 kruijsbalken, mitsgaders 2: gordings nieuw aangemaekt, soo meede tot het kleijne hoofd nieuw aangenaekt 12: paalen; diep in de grond als boven, 7: leg- 2 sluijt - en 4. kruijsbalken, mitsgaders 4: gordings en dus volgens onse gedagten beide deese hoofden seer goed, hegt en vterk, Gelijk ook de twee waterpoorten, seer sufficant en dus meede goed sijn, Ten vierden:/ De gerepareerde Leuning langs de rivier kant is meede behoorlijk en in een goede staat, uijtgenoomen dat deselve nog niet geverfd is, Waer na wij hebben gesien, en behoorlijk g'examineerd de twee gerepareerde Brandspuijten, en hebben deselve behoorlijk en sonder eenige Leccage bevonden, ook sijn er dubbelde ijzere krukken nieuw aangemaekt, welke seer hegt en sterk sijn, waar door nu dubbelde pomp spacken kunnen gebruijkt worden, gelijk wij meede de nieuw aangemaekte serlangen en 25. p. s Brand„ „Emmers seer goed en deugdsaam hebben bevonden, Vervolgens hebben wij meede ter voldoening aan den inhoud van voorsz: gerespecteerde ordonnantie ons vervoegd te huijse van uwel Ed:e Agtb: en aldaar nauwkeurig g'examineerd de door den Moedij volgens aan„ „besteeding van kald en Heen gemetselde Bijgebouwen Pakhuijsen etc: en hebben het bevonden soo als wij d'Eer hebben uwel Ed:e Agtb:r hier onder breedvoerig te berigten, De oude saal op de platte grond van de Werff gemerkt met de Lett=r 9: lang 60, en breed 16: voeten, De Secretarij of spreekkamer gemerkt H, lang en breet 16 voeten, De Dispens met 2: kamertjes voor deselve lang 22 en breed als Even, ses kamertjes of vertrekken voorslaeven, met een hout hok daar agter lang 60, en breed 15, voeten, en Eijndelijk een Pakhuijs agter de Combuijs 17, voeten lang en 10 voeten breed alle van steen gemetseld de buijten muuren ruijm een voet en de binnen muuren een steen dik, voorts nog meede van steen gemetseld, Een wagthuijs voor de Pions met twee vertrekken, Een voor de Comp:e, Moedij, en Een voor den Moenbij lang 47½ en breed 13, voeten het welk alles accordeerende is met het Contract met voorsz: Moedij gemaekt en beschreeven ter Resolutie van den 24:e Maart Jongstleeden, van de steene muur langs de Werff aan de Zuijd west zijde kunnen wij uwel Ed:e Agtb: nog niets met sekerheid rapporteeren, alsoo deselve niet verder vaardig is als van het eijnde van het Nieuwe Paalwerk op het plan gemerkt L:a O: /: wordende de Paardestal en andere thans gerepareerd:/ tot agter en op sijde van het koetshuijs de smits winkel en Bakkerije, Het nieuwe Paalwerk voor de stal aan de Zuijd west sijde van het Directeurs Huijs, voor en langs de stal tot aan de Hoek of het eijnde van de Werff hebben wij bevonden de lengte daar van tot 130, voeten en is gemaekt uijt 40 paalen met sesankers of Land vesten, 16, voeten diep in de grond en 13, hoog boven de grond en ieder paal den afstand van 3, voeten van den anderen, de planken, van de Beschoeijing sijn Twee duijm dik en de beschoeijing begint 8. voeten in de Grond en dus 26. voeten hoog, en dus seer goed en ook, met het Contract volkoomen accordeerende, Eijndelijk hebben wij nog d' Eer uwel Ed:e Agtb:re van onse bevinding van het Hospitaal te dienen van Eerbiedig berigt dat den voorsz: Moedij voldaan heeft aan het met hem geslooten Contract, waar bij hij aangenoomen heeft, De reparatie van het geheele Hospitaal, Soo meede het van nieuws opmetselen van de om vergewaaijde muuren in het agter boven huijs, vernieuwingen van Deuren en vengsters met een gedeelte van het dak het welk alles behoorlijk, en goed is gedaan; In verwagting dat wij hier meede aan uwel Ed:e Agtb:r g'Eerde ordon„ Vervolgens „nantie

NL-HaNA_1.04.02_3697_0120 view scan ↗

English

214: 215 The 11th of July Anno 1785. seven specifications received, namely: One of the flag mast to satisfy. ordinance and intention, so we have the honor to remain with all respect and high esteem. Below stood: Right Honorable Sir. Lower: Your Right Honorable's very humble and obedient servants. Was signed: J: J: van Polanen de Bevere and g: C: Roeff. In the margin: Souratta the 15th of June 1785. And whereas it thereby appeared, firstly, that the flag mast with its appurtenances, the bell house, the large and small pier, both water gates, and the railing along the river side of the wharf have all been properly and well made or repaired; and secondly, that the Director's house, or properly the old hall with all the outbuildings, warehouses, and slave quarters are very well built of brick and mortar, as well as the nearby guardhouse of the peons with two rooms, for the Moedij and Moensij, together with the new palisade on the southwest side of the aforementioned Director's house, in front of and along the stable up to the corner of the wharf, has been properly made and completed, as well as the repairs to the hospital; and that therefore the Moedij has in all parts fulfilled the contract of tender concluded with him and mentioned in the resolution of the 24th of March last, while he even provided the new palisade with two more land-ties or anchors than he was obliged to according to his agreement; so it was approved and agreed to have paid to the aforementioned Moedij out of the treasury the moedij his repair Together . . ras 3826: 20: as appears from the following account itself, to . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 665:2: a sum of rop:s 54:12:—; making, with the four thousand like rupees that were advanced to him for these carpentries, a sum of rop:s 9412:—, for which he had contracted for all the same, and to have all this booked on a separate account until such time as one shall have obtained Their High Noble Lordships' favorable authorization for write-off, which will be respectfully requested in the first outgoing dispatch; And to proceed now immediately to a careful examination of the following specifications presented by the equipage overseer Johan Lotsz to the Lord Commander and submitted in the meeting, namely: Firstly, of the new flag mast with its topmast and all appurtenances amounting in cash to rop:s 2119:12: And from stock . . 242: 6: rdas 2361:18: And further for what was paid for such cordage for backstays etc. as had to be purchased for the erection of the mast satisfy Specification

Dutch transcription

214: 215 Den 11e Julij A:o 1785. seven specificatie van den binnen gekoomen, als. Een van de lagge mast te voldaen. „nantie en Intentie hebben voldaan, soo hebben wij d' Eer met allen Eer„ „bied en Hoog agting te verblijven /:onderstond:/ wel Edelen agtbaaren Heer /:lager:/ Uwel Ed: Agtb=s seer onderdanige en Gehoorsaame Dienaaren /:was getekend:/ J: J: van Polanen de Bevere en g: C: Roeff /: in mar„ „gine :/: Souratta den 15:en Junij 1785. v: En vermits daar bij gebleek Eerstelijk dat de vlagge mast met sijn toebehooren, Het klokken huijs, het groote en kleijne Hoofdde beijde waeter Poorten, en de Leuning langs de Revierkant van de Werff alle behoorlijk en goed gemaekt of her„ „steld sijn, en ten tweeden Dat het Directeurs Hluijs of rijgent„ „lijk de oude sael met alle de bijgebouwen Pakhuijsen en slaeve Equipagie, opsiender zijn te vertrekken seer goed van steen en kalk gemetseld sijn, soo wel als het daar bij staande wagthuijs van de Pions met twee ver„ „trekken, voor de Moedij en Moensij, mitsgaders dat hel Nieu„ „we Paelwerk aan de Zuijd west sijde van het Directeurs Huijs voormeld, voor en langs de stal tot aan de hoek van de werff na behooren gemaakt en volbragt is, soo wel als de reparatien aan het Hospitaal en dat over sulx de Moedij aan het met hem geslootene en bij Resolutie van den 24:e Maart Jongstleeden vermelde Contract van aanbestedinge in allen deelen voldaan heeft, terwijl hij het Nieuwe paalwerk selfs van twee Land„ „vesten of ankers meerder voorsien heeft, dan hij volgens sijne overeenkomst verpligt was, soo wierd goedgevonden en ver„ de moedij zijn reparatie „staan om aan de voorschreeven Moedij uijt Cassa te laeten Te saemen. . ras 3826: 20: blijkens de ondervolgende rekening selven, tot. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 665:2: voldoen eene somma van rop:s 54:12:—: maekende met de vier duijsend gelijke ropijen die hem op deese timmeringen voor uijt verstrekt sijn eene somma van rop:s 9412:—: waar voor hij alle deselve aangenoomen heeft gehad en om het een en ander op eene aparte rekening te laeten boeken, ten tijde men Haar Hoog Edelheeden gunstige qualificatie ter afschrijving welke men bij de Eerst afte gaene missive eerbiedig versoeken sal, sal hebben g'obtineerd; En om nu dadelijk te procedeeren tot eene nauwkeurig ondersoek van de door den Equipagie opsiender Johan Lotsz, aan den Heer Gesaghebber gepresenteerde en in vergade¬ „ring overgelegde volgende specificatien; als. Eerstelijk van de nieuwe vlaggemast met sijn steng en alle het toebehooren groot in Contant rop:s 2119:12: 242: 6: rdas 2361:18: En uijtvoorraad. . . „ En dan nog voor het betaalde voor sulke touw„ „werken tot bakstagen etc: als tot het opsetten der mast hebben moeten worden ingekogt voldoen Specificatie

NL-HaNA_1.04.02_3697_0121 view scan ↗

English

217: The 11th of July Anno 1785:. In cash 59½ Gess timber used for the making of the Mast, a large cross-tree, cleats, cap, 10 chain-plates with iron fittings, as well as for the sheathing of the Mast from below to a length of 21½ feet, costing the ges roas 11: and together . . . . . . Ro/a 654:24: 37¾ Ceer - Kapok 2nd sort at ro/a 5 2/3 the 40 Ceer . . . . . . . 5: 17: 48:—: Ceer - Oil at ro/a 5 3/8 the 40 ditto . . . . . 6: 22: 30: - Ceer - Domestic Rosin, 2nd sort at roa 2 the 40 Ceer - - - 1: 24: 100:— Ceer - Dammar Malacca at ro/a 3 1/6 the 40 Ceers 7: 44: 153:—: Ceer - Red lead at roa 6 the 40 Ceer. 22: 46: 92:- Ceer - Hemp for strops, in order to twist the timbers together at roa 1½ the 44 Ceer - - 3: 7: 1: ½ Maon - Persian Red Earth at 13a 2/3 the 44 Ceer . . . 1: —: 16¼ Maon - Wrought iron, for bands, bolts, hooks, thimbles, item fittings for 10 deadeyes etc. at 13 the maonvis 211: 12: 282: -: Ceer nails of sorts, as 248. - Ceer of 5 to 24 inches at roka 8½ the maon ro/a 52:34: f 60:31 8: 975:6: 34: - Ceer - Tutty wentkia at roa 9 1/3 the ditto 7: 45: Hereon 5 percent Commission is . . . . . . . . 43: 36: 17a 1023: 42: 311: — Daily wages of Carpenters, namely 37: — Days of ro/a 1: the 2 days is - - - . . . . . ro/a 18: 24 32:- Days of ro/a 1 the 2¼ days is . . . . . . . . . . . 14: 10: 135:— Days of ro/a 1 the 2½ days is . . . . . . . . . . . . 74: —: Which I carry forward 2:-: Ceer paint oil . . . . . . . . . . . . —: 19 57. - Days of ro/a 1 the 3 days is - - - - - - - 19: —: r/a 125: 34: Specification of such expenses in cash and disbursements from the Honorable Company's stores as have been made and paid by the undersigned Equipment Overseer in making, erecting, and cementing a new Flag Mast, to the height of 90 feet, consisting the one and the other in and costing as follows, Namely: 17: Days of Borers at ra 1 the 3 days is - - - - - - - - - - - - - - 5: 32: 9: Pairs of Sawyers at ra 3/16 the pair - - - - - - - 1: 32: For allowance of beans to the laborers at 2 pice each per day is - - - - - 14: 20: ra 176:47: For the erection and cementing of the said Mast, namely: 58: — pieces of Spars of sorts for capstans, item handspikes and rollers under the mast, of which: 29: - pieces spars Deska at 70 at 4½¼ Corge - - - - ra 6: 25: 21: ditto Commodia at 2 Corge - - - 2: 5: 8 Moendia at 4 Corge . . . 1: 29: roa 10: 11: 28: Moeda of Mortar Lime 2nd Sort at ro/a 5½ the Moeda of 101 Baskets . . . . . . . . . . 134:—: 11: Maen white Lime at ro/a 1½ the maon is . . . . . . . 16: 24: 15675: Pieces of Masonry Bricks at 3 1/3 the 1000 pieces is . . . . . . . . . . 52: 12: 4¼ Maon Goegel at 3 the maon is - - - . . 12: 36: 225: Pieces of Baskets, for carrying earth, stone, and lime at ro/a 2 1/8 the 100 pieces is . . . . . . . . 4: 37: For lime sifting . . . . . . . . . . —: 24: For Earthen water pots, basins, etc. . . . 1: 21: 78a 252:24: Hereon 5 percent Commission 12:30: ro/a 265:3: For digging out the foundation, where the Mast previously stood: 6: Daily wages of Diggers at ro/a 1 the 6 days is . . . ro/a 1: —: 326:— Daily wages of Mazdoors, namely: 180: — Days of ro/a 1 the 8 days is . . . . . r:o/a 22:24: 146: — Days of ro/a 1 the 10 days is . . . . . 14: 29: 37: 5: 277: Daily wages of lime beaters at r:oa 1 the 6 days is - - - - - 46: 3: 59: Daily wages of Masons, as: 8: - days of ro/a 1 the 2 days is - - - - - . ro/a 4: —: 7: - days of ro/a 1 the 2½ days is . . . - - - 2: 38: 42:– days of ro/a 1 the 3 days is . . . . - - - - 14: —: 2: - days of ro/a 1 the 6 days is . . . . . . . —: 16: — 21: 6:— 75: Daily wages of Sailors at ro/a 1 the 6 days - - - - . . 12:24: 117: 43: For allowance of beans to the laborers as before is . . . . . 30:46 148:41. Gift of liquor, paid to the men upon erecting the Mast . . . 18: —: For bringing to and fro the borrowed sheers and Mast gin blocks, item for raising the same paid to the men 6:—: Jaggery, coconuts, flowers, etc. paid . . . . . . . . . . . 5:24 143:20: By Transport - - - - - - - - Roa 125:14: r4102314:4 8: Rlas 1620: 19: 7:15: 138:33: I carry forward 216:

Dutch transcription

217: Den 11:e: Julij A:o 1785:. Im Brlant 59½ Gess: tot het maeken van de Mast, Een groote zaling, Klam„ Hout „pen, Ezelshoofd, 10: Putting Iusfers met ijzer beslag, zoo meede tot het voeren der Mast, van onderen ter lengte van 21½ voeten verbruijkt kostende de ges roas 11: en te saemen. . . . . . Ro/a 654:24: 37¾ Ceer - Capok 2:de soort â ro/a 5 2/3 de 40: Ceer. . . . . . . „ 5: 17: 48:—: „ Olij. . . . „ „ 5 3/8 „ 40 _o. . . . . „ 6: 22: 30: - „ - Inlandse Harpuijs, 2:de soort â roa 2 de 40: Ceer: - - - . . „ 1: 24: 100:— „ Dammer Mallax â ro/a 3 1/6 de 40 Ceeren 7: 44: 153:—: „ Mien â ro a 6: de 40 Ceer. 92:- „ - Hennip tot stroppen, ten eijnde de Houtwerken in malkanderen te draeijen â roa 1½ de 44 Ceer - - „ 3: 7: 1: ½ Maon - Persiaans Rood Aarde â 13a 2/3 de 44 Ceer. . . „ 1: —: 16¼ „ - Gewerkt ijzer, tot banden, bouten, haeken, koussen, item beslag voor 10. Putting Jusfers Ensz: a: a 13, de maonvis„ 211: 12: 282: -: Ceer -spijkers in foort, als 248. - Ceer van 5, tot 24 d:m a roka 8½. de maon ro/a 52:34: ƒ 60:31 8: 975:6: 34: - „ Toetkia wentkia â roa 9 1/3 „ _o „ 7: 45: . „ 43: 36:17a 1023: 42: Hier op 5, percento Provisie is. . . . . . .. 311: — Daglomnen van Timmerlieden, te weeten 37: — Dagl: van ro/a 1: de 2: dagl: is. - - - . . . . . - ro/a 18: 24 32:- „ „ „ 1 „ 2¼ „ „. . . . . . . . . . . „ 14: 10: 135:— „ „ „ 1: „ 2½. „ „. . . . . . . . . . . . „ 74: —: Die Transporteere 2:-: „ verff olij. . . . . . . . . . . . „ —: 19 57. - „ „ „ 1: „ 3: „ „. . - - - - - - - „ 19: —: r/a 125: 34: Specificatie van soodaenige ongelden In Con„ „lant en verstrekking uijt 'sE: Comp:s voor„ „raad als er door den ondergeteekenden Equipa„ „gie opsiender gedaan en betaald sijn, bij het maeken opregten en Inmetzelen van Een Nieuwe Vlagge Mast, ter Hoogte van 90: voeten bestaande het een en ander in en kost als volgt, Namentlijk 17: Dagt: van Boorders â ra 1: de 3 dagl: is - - - - - - - - - - - - - - „ 5: 32: 9: Paaren Zagers - - - - - - - „ „ 3/16 t paar- - Voor Borntjes aan de Arbeijders â 2 pijsen ijder 'sdaags is - - - - - „ 14: 20:ra 176:47: Tot opregting en Imnetzeling van gemelde Mast, te weeten 58: — pees Sparren in soort tot Draaijers, item 'slandspaken en Rollen onder de mast, daar van 29: - pees sparren Deska â 70 â 4½¼ Corg: - - - - r a 6: 25: 21: „ _o Commodia „ 2: „ „ - - - „ 2: 5: 5 Moendia „ 4: „ „. . . „ 1: 29: roa 10: 11: 28: Moeda Metzelkalk 2:de Zoort â ro/a 5½ de Moeda van 101: Mandjes. . . .. . . . . . . . . „ 134:—: 11: Maen witte Kalk â ro/a 1:½ de maon is. . . . . . . „ 16: 24: Metselsteenen „ 3 1/½ „ 1000: pees is. . . . . . . . . . „ 52: 12: 15675: Sees - . . „ 12: 36: 4¼ Maon Goegel - „ „ 3: „ maon is Mandjes, tot het dragen van aarde steen, en 225: Sees kalk â ro/a 2 1/8 de 100: pees is. . . . . . . . „ 4: 37: . „ —: 24: voor kalk ziften. . . . . . . . . . . „ 1 21: 78a 252:24: „ Aarde waterpotten Bezeens Insz:. . . 12:30: ro/a 265:3: Hier op 5 percento Provisie „ Tot het uijtgraeven van het sondament, alwaar be„ „voorens de Mast gestaan heeft . ro/a 6: Dagloonen van Gravers â ro/a 1. de 6: dagl: is _ „ Massuurs te weeten 326:— 130: — Dagl: van r o/a 1: de 8: dagl: is. . . . . r:o/a 22:24: 37:5: „ „ 1: „ 10: _„. . . . . „ 14: 29: „ 146: „ 277: Dagloonen van kalk kloppers â r:oa 1: de 6: dagl: is. - - - - - „ 46: 3: 59: _„ Metselaars als 8: - dagl: van r o/a 1 de 2 dagl: is - - - - - . ro/a 4: —: 7: - „ „ „ 1: „ 2½ „ „. . . - - - . „ 2: 38: „ „ 1 „ 3: „ „. . . . - - - - „ 14: —: 1 „ 6: „ „. . . . . . . „ —: 16: —„ 21: 6:— 75: Dagloonen van Mattroosen â ro/a 1 de 6 dagl: - - - - . . „ 12:24:2: „ 117: 43 „ 30:46„ 148:41. voor Boontjes aan de arbeijders als vooren is.. . . .. 18: —: schenkagie, aan het volk bij het opregten der Mast betaald.. het heen en weerbrengen der geleende bokhouten en Mast Gijn blokken, item voor het opsetten derselve aan het volkbel„d 6:—: =Jager, Klappers, bloemen, ensz: betaald . - - . . . . . . . . . . „ 5:24„143:20: P:r Transport - - - - - - - - Roa 125:14: r4102314:4 8: „ Rlas 1620: 19: 7:15:„ 138:33: Transporteere 216: „ „ 22: 46: 42:– „ 2: - „ 1 . „ —

NL-HaNA_1.04.02_3697_0122 view scan ↗

English

Brought forward The 11th of July Anno 1785. For the making of 4 shores between which the Mast is propped up, with its Posts or Anchors in the Ground, likewise A topmast with its topmast rigging, Cross-tree, Cap, Ten Topmast Shroud Dead-eyes and Drumstick, namely rupees 184:12: at rupees 11 the gaz is. 16:4: Gaz of Wood 25 Pieces of Bamboo 2nd sort for the ratlining of the topmast shrouds at rupees 2 7/8 per 100 pieces . . . . . . . . . . 0: 34: Oil at rupees 5 3/8 per maund . . . . . . . . . 4: 47: paint oil for the Painting of the Drumstick, Caps, and Topgallant Cross-tree . . . . . . . . . . . . . . 1: 29: 1 Maund of Persian Red earth at rupees 2/3 per 44 Seer . . . . . 0: 32: Wrought iron for hoops, bolts, likewise the fid for the topmast, etc. at rupees 13 per maund - - - - - 33: 41: nails of various sorts, of which 92 67 Seer from 5 to 24 inches at rupees 8½ per 40 Seer: rupees 14: 11: Foethia wentkis at 9 1/3 per 40: 5: 40: 20: 3: 25 4:18: ½ Maund of Tallow or Lampblack at rupees 8¾ per 40 Seer. . .. iron Hawser for the topmast rigging purchased as it was no longer in stock at rupees 10 per maund is. . 64: 39: 259¼ Seer 56 Gaz of Dotij for the serving of the topmast rigging and parceling for the straps of the blocks at rupees 11 per 100 gaz is. . . 5: 4: rupees 370: 19: On this 5 percent Provision . . . . . . . 18: 25: rupees 383:44: 191 Daily wages of Carpenters, of which 25 Days at rupees 1 per 2 days is . . . . . . . . . . . rupees 12: 24: 23 Days at 1 per 2¼ days is . . . . . . . . . . . . . 10: 11: 102 Days at 1 per 2½ days is . . . . . . . . . . . 40: 38: 41 Days at 1 per 3 days is . . . . . . . . . 13: 32: 8a 77: 9: 4 Daily wages of Drillers at rupees 1 per 3 days is - - - - - - - - - - - 1: 16: 2 Pairs of sawyers at rupees 3/16 per pair is . . . . . . . . . . . . . 1: 30: 80: 7: for Beans to the total Laborers as above is - - - - - . 8: 14: Gratuity to the crew for raising the topmast into the Tamarind tree. . . . . . . . . . . . . . . . 12: — 489: 17: The further required of such Cordage for backstays, straps, 3 heavy Gin Tackle runners, top-ropes, etc., likewise blocks and sheaves, which for the raising of the Mast and Sheers had to be purchased because nothing was in stock. Rupees 2104: 36: from the Honorable Company's stock: 22¾ lb of nails of various sorts 2 wheel Hawsers Summary of the above, namely The expenditure in Cash . . . . . . . . . . . . Rupees 2784: 14: supplied from the Company's stock . . . . . . . . . . . . . . . . 242: 6: Sum as above: Rupees 3026: 20: below stood: Surat the 28th of June Anno 1735. was signed: I: Lotsz. lower: Recalculated at rupees 3026: 20: was signed: G: C: Roeff, And for the belfry and second of the New Belfry 3 pieces of iron Hawsers . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198:18:— Grand Total in Cash . . . . . . . . . . . . rupees 313: 15: 7 pieces of Lines of various sorts . . . . . . . . . . . . . . . . . 14: 5: 8: 2 pieces of Sounding Lines . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13: 5: 8: florins 292: 11:8: 242: 6: And from stock - - - - - - - - - - - - - 19: 4 2rupees 3339 —½ barrel of Tar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . florins 20: 8: — 2: 13: — 48:16: — Brought forward Rupees 2109:36: and consists of the following, namely 1130 Seer of Homeland Rope purchased for rupees 5½ per maund of 40 Seer . . . . . . . . . . rupees 155: 18: 2305 Seer of Coir Patthij at rupees 7 per maund . . . . . . 403: 18: 663¼ Seer of Malabar Coir at rupees 4½ per maund - - - - - - - - - - 74: 38 ½: 633:18: On this 5 Percent Provision is . . . . . . . . . . . 31:32:8: 665:2: 2 pieces of Large snatch blocks for the Gin runners - - - - - - - - - - - 3: —: 4 sheaves of which one with an iron Bush and Pin for the topmast and 3 sheaves for the Drumstick purchased for - - - . . . . . . . . 1:36: for Knotting and Rope-making wages for Coir . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4: 36: 674:26: Sum - - - - Rupees 2784:14: Rupees 1620:19: 37 Seer 258 Seer Carry over Specification 218: 2 and

Dutch transcription

219: P:r Transport Den 11e: Julij Ao. 1785. Tot het maeken van 4: schooren tusschen welke de Mast onderschraagt is, met dies Palen of Ankers in de Grond, item Een steng met dies stenge want, Saling, Ezels Hoofd, Tien Stenge Want Juffers en Trommelstok, te weeten r:o/as 184:12: â ro/a 11 deges is. . 16:4: Gess: Hout 25: - Pees: - Bamboesen 2:e soort tot het weevelen van het stenge want â ro/a 2 7/8 de 100 pees. . . . . . . . . . . „ — 34: -Olijâ ro/a 5 3/8 de mam. . . . . . . . . . „ 4: 47: „verffolij tot het Schilderen van de Trommelstok Ezelshoofden Bramsaling. . . . . . . . . . . . . . „ 1: 29: 1: - Maon Persiaans Rood aarde â ro/a 2/3: de 44: Ceer. . . . . „ —: 32: Gewerkt ijzer tot banden, bouten item het slot„ „hout voor de steng Ensz: â r/âa 13. de maon - - - - - „ 33: 41: spijkers in soort, daar van 92:– „ 67: — Ceer van 5 tot 24: duijm â ro/a 8½ de 40 Ceer roa 14: 11: „ Foethia wentkis „ „ 9 1/3 „ 40: —: „ 5: 40: 20: 3: 25: „ 4:18: ½ Maon- Talg of Roet â ro/a 8¾ de 40 Ceer. . .. ijzer Trossen voor het stenge want ingekogt als niet 259¼ Ceer meer in voorraad sijnde geweest â ro/a 10 de maon is. . „ 64: 39: 56: - Gessen Dotij tot kleeding van het stenge want en smartings voor de stroppen der blokken â roa 11. de W1. ges is. . . „ 5: 4: r: a 370: 19: Hier op 5: percento Provisie. . . . . . . „. . . . . „ 18: 25: r:/a 383:44: 191: Daglosnen van Timmerlieden daar van 25: Dagl: van ro/a 1: de 2: dagl: is. . . . . . . . . . . ro/a 12: 24: 23: - „ „ „ 1 „ 2¼ „ „. . . . . . . . . . . . . „ 10: 11: „ „ 1 „ 3 „ „. . . . . . . . . „ 13: 32: 8a 77: 9: 4: Dagl: van Boorders â ro/a 1 de 3 dagl: is - - - - - - - - - - - „ 1: 16: „ Paaren zagers â ro/a 3/16 't paar is. . . . . . . . . . . . . . „ 1: 30: „ 80: 7: „ voor Boontjes aan de gesamentlijke Arbeijders als vooren is. - - - - - . „ 8: 14: Schenkagie aan het volk bij het opregten de steng in den Tammerijn boom. Het verder benoodigde van sulke Touwwerken tot bakstagen, stroppen, 3 swaare Gijn Talieloopers wind reeps Ensz: item bloks en schijven als tot het op¬ „zetten der Mast en Bok hebben moeten zoor„ „den ingekogt door dien men niets in voorraad had 102:— „ „ „ 1 „ 2½ „ „. . . . . . . . . . . „ 40: 38: . . . . . . . . . . . . . . . . „ 12. —„ 489: 17: Rr/as 2104: 36: uijt S: E: Comp:s voorraad. 22¾ lb - spijkers in soort 2:- „ - wiel Trossen Sommarium op het vooren Bovenstaande, als Het uijtgegevene in Contant. .. „ verstrekte uijt 's: Comp:s voorraad. . . . . . . . . . . . . . . . „ 242: 6: Somma als boven Roas 3026: 20: /:onderstond:/ Souratta den 28:e Iunij A:o 1735. /:was geteken:/ I: Lotsz. /:lager:/ Nagereekend met ro p:s 3026: 20: /: was geteken:/ G: C: Roeff, En van het klokehuijs en tweeden van het Nieuwe Klokkehuijs . . . . . . . . . . . . Rop:s 2784: 14: 3: - pees - ijzere Trossen. . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 198:18:—: Groot in Contant. . . . . . . . . . . . ro/a 313: 15: 7: - „ Lijnen in Soort. . . . . . . . . . . . . . . . . „ 14: 5: 8: 2:- „ Loot Lijnen. . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 13: 5: 8: ƒ 292: 11:8„ 242: 6: En uijt voorraad - - - - - - - - - - - - - „ 19: 4 2r:o a 3339 —½ - vat Theer. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ƒ20: 8: —: . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 2: 13: —: . . . . . - . . . . . . . . . . „ 48:16: —: P:r Transport Ras 2109:36: en bestaat in het volgende te weeten 1130 — Ceer Vaderlandse Touw ingekogt voor ro/a 5½ de maon van 40 Ceer. . . . . . . . . . . r:o/as 155: 18: .Caijer Patthij a r o/a 7: de maon. . . . . . „ 403: 18: 2305: Caijer Mallabaarse â roa 4½ de maon - - - - - - - - - - „ 74: 38 ½/„ 63:18: 663:¼ Hierop 5. Percento Provisie is. . . . . . . . . . . „ 31:32:8: 665:2: 2: - pees. - Groote voet blokken voor de Gijnloopers. - - - - - - - - - - - . „ 3: —: „schijven waar van een met een ijzere Bus en Nagul voor de steng„ en 3. schijven voor de Trommelstok ingekogt voor. - - - . . . . . . . . „ 1:36: voor Knoop en Baanloon van Caijer. . . . . . . . . . . . . . . . . . „. 4: 36: „ 674:26: Somma - - - - Rop:s 2784:14: 4: Rrs 1620:19: 37:- Ceer 258: - Ceer Transporteere Specificatie 218: 2:– „ 41: - „ 2: en „

← previousnext →