Inventory 3705
Japan · 294 pages · 139 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
page 45. Samarang the 20th January 1785 Raxa Trodjo having taken the oath of allegiance to the Honorable Company, I have the honor to give Your High Mightinesses the required notice thereof under respectful presentation of the deeds of obligation executed by them in their aforementioned capacities. The King of Tidor, taking advantage of Your High Mightinesses favorable license granted to him to meet me in person, made use of it in a very discreet manner during the lay days of the ship 't Huijs te krooswijk, having stayed here for thirteen days, in which interval he was entertained very affably and in accordance with his station, and departed with great satisfaction over the friendliness shown to him. But this prince, upon his departure, following a very generous enjoyment in gifts of cash, linens, velvets, galloons, and such like, not counting various provisions also given to him, having still wished to persuade me to the satisfaction of 301: 37. 8. rixdollars for the purchase of some Ternate slaves belonging to the dragoon Captain van Boze, and whom the king claimed belonged to his family, I deemed that His Highness could not reasonably demand more of my kindness, the more so as he himself was provided with cash, yet under various frivolous pretexts was not inclined to touch it. I have therefore caused the aforementioned amount of 301: 37. 8. rixdollars to be paid to the owner of the slaves here from the Company's treasury, and charged to the government of Ternate in order to be disbursed again by the king there in conformity with his made promises, which disposition I hope may carry Your High Mightinesses favorable approval, while I meanwhile under this article still have the particular pleasure to assure Your High Mightinesses that a desirable peace and quiet continues to reign on Java. I express humble thanks to Your High Mightinesses for the favorable disposition regarding the sending hither of the junior master journeyman of the equipment yard, Izaac van der Meulen, in order to serve as assistance to the master of the ship carpentry yard at Rembang, whither the same upon his arrival here will be dispatched directly. Of the 100 military heads recently brought from the Netherlands to the capital with the ship de Batavier, and who according to Your High Mightinesses favorable letter were to come hither in replacement of 80 heads who are projected from the Javanese garrison, 60 for Banda and 20 heads for Ternate, 60 heads having already arrived with the ship De Vriendschap, I shall still await the remaining 40, while in the meantime, notwithstanding the number of militia on Java in capable, well-trained, and disciplined soldiers is not large, Your High Mightinesses respected orders on this subject will be fulfilled partly from the East Coast Samarang the 20th January 1785. page 47. Samarang the 28th January 1785. Samarang the 20th January 1785. and partly from Samarang itself, by a division of the 60 of those warriors over the three ships to Banda and the 20 for Ternate with the small vessel de vreede, with respectful note at the same time that the 36 heads of European military personnel who were detained here with Your High Mightinesses approval in the month of July 1784 from the ship de zilvere Leeuw, which was destined for Ternate but returned from a fruitless journey, have undertaken the journey thither on the ship 't Huijs te Krooswijck in a healthy condition and well practiced in the handling of weapons. These having been brought in readiness thus far, there arrived on the 24th of this month at the same time the ships de zilvere Leeuw for Banda and de vreede for Ternate with Your High Mightinesses venerated writings of the 16th and 20th preceding; the orders regarding the speedy dispatch of those ships shall be strictly observed by me, and to that end I shall act with the ship de zilvere Leeuw as is noted hereinbefore under the article of ships and vessels, while the ship de vreede is due to depart shortly for Joana and Rembang, in order to be freighted at the first-mentioned residency according to the tenor of Your High Mightinesses letter of 2 December 1784 with 73 coyangs of rice, and further at the last-named factory with timber for further full loading. Against the export of rice to the Opposite Coast, regarding which the orders here have remained in force without interruption, one shall continue to watch most closely on Java, and that for as long as the truly existing high necessity for self-preservation absolutely commands such, and Your High Mightinesses do not come to provide me with other or further orders in this matter. To the honored authorization for the transport of rice up to 70 to 80 lasts to Riouw for the service of the Company's garrison there, I hope to be able to respond to Your High Mightinesses satisfaction, whether by the Company's means or privately on freight; but since such can hardly be carried into execution within the first four months, although I shall apply everything toward a speedy dispatch, I request to be allowed to postpone the positive answer on this subject for a short time yet. However, upon sending to Riouw, I shall consign that foodstuff to the commander there, with written instructions to make such use thereof for the service of the garrison and the community as he, the commander, shall judge advisable for the Company's interest according to the circumstances of the time. On the same day that I had the honor to receive Your High Mightinesses letters mentioned hereinbefore, I also received at the same time the pleasant and very encouraging report from Cheribon that the ships that had been employed in the expedition at Malacca
Dutch transcription
pag: 45. Samarang den 20:en Januarij 1785 „Raxa Trodjo den Eed van Trouwe aan de E: Comp„e afgelegd hebbende, heb ik de Eere uw Hoog Edelheedens daar van de verpligte kennisse te geeven onder Eerbiedige praesentatie der Actens van verband door hen in hunne voor„ „schreeven qualiteiten gepasseerd:- Den Kooning van Tidor, profiteerende van uw Hoog Edel: „heedens gunstig aan hem verliende Licentie om mij in persoon te ontmoeten heeft, daar van op eene sier discreete 6 wijze gebruik gemaakt geduurende de Legdaegen van het schip 't Huijs te krooswijk hebbende hier dertien daegen vertoeft in welke tusschen tijd hij zeer minsaam en over een komstig zijnen staat onthaald en met het groot genoegens over de hem betoonde vriendelijkheid vertrokken is, dan dien vorst bij zijn vertrek naar een zeer genereus genot in geschenken van Contanten, Lijwaeten, fluweelen, galonnen en wat dies meer is, ongereekend diverse dan denselven meede gegeevene provi= „sien, mij nog hebbende willen persuadeeren tot de voldoening van rd„s 301: 37. 8. , over koop van: eenige Ternaetsche slaeven toebe„ „hoorende aan den Dragonder Capitain van Boze, en welke den koning voor gaff tot zijne familie toebehooren, vermeende ik dat zijn Hoogheid niet meerder van mijn goedheid met reede„ „lijkheid konde vergen, te meer daar hij zelvs van Contanten voorsien egter onder verscheide faivoole exceptien niet geneijgd was, die aan te tasten, en hebbe dierhalven het voorschreeven montant van Rd„s 301: 37. 8. dan den eigenaar derslaeven alhier uit sComp=s Cassa doen betaalen en het gouvernement Ternaten aangereekend ten einde aldaar door den koning Conform sijne gedaane beloften weeder uitgekeerd te worden, en welke dispositie ik hoope uw Hoog Edelheedens gunstige approbatie zal moogen weg draegen, terwijl ik Inmiddens onder dit articul nog het bezonden genoegen heb uw Hoog Edelheedens te verseekeren dat 'er een wenshelijke Rust en vreede op Java heerschende blijft. —: Jk betuige uwe Hoog Edelheedens needrig dank voor de gunstige disposstie weegens de herwaerds zending der Jongste meester„ knegt van d' Equipagie werf Izaac van der Meulen ten eijnde te dienen tot adsistentie van den Baas der scheeps Timmerwerf te Rembang werwaards denselven bij zijn arrive= „ment alhier direct zal werden afgezonden. - van de 100. koppen Militairen Jongst uit Neederland met 't schip de Batavier op de Hoofd-plaats aangebragt en die vol„ „gens uw Hoog Edelheedens gunstige aanschrijven stonden herwaerds te koomen tot remplacement van 80. koppen die uit het Javasche Guarnizoen voor Banda tot 60. en voor„ Ternaeten tot 20. Coppen geprojecteert zijn, reets 60. Coppen met 't schip De Vriendschap gearriveert zijnde, zal ik de overige 40. nnog te gemoet zien, terwijl intusschen ongeagt het getal der Militie op Java aan bekwaame wel gedretseerde en gedis= „ciplineerde soldaeten niet groot is, aan uw Hoog Edelheedens Gerespecteerde ordra ten deesen Sujeste gedeetelijk it den vorkhoek Samarang den 20=en Januarij 1785. uit en pag: 47. Samarang den 28:en Januarij 1785. Samarang den 20„e Januarij 1745. — en gedieltelijk van samarang zelvs zal werden voldaan door een verdeeling van 5. 60. dier krijgers over de drie scheepen naar Banda en de 20. voor Ternaeten met het scheepje de vreede onder eerbiedige notitie teffens dat de 36. koppen Europeesche Militairen die alhier van het naar Ternaeten gedestineerde dog van een vrugteloose reijse te rug: gekeerde schip de zilvere Leuw met approbatie van uw Hoog Edelhee„ „dens in de maand Iulij 1784., aangehouden zijn met het schip 't Huijs te Krooswijck, in een gezonde en in den waepenhandel wel geveffende Constitutie de reijse na der„ „waards aangenoomen hebben. - Deeze tot dus verre in gereedheid gebragt zijnde arriveer„ „de op den 24„' deezen te gelijker tijd de scheepen de zilvere seeuw Voor Banda in de vreede voor Ternaten met uw Hoog Edel„ „heedens gevenereerd schrijvens van den 16. en 20. bevoorens; de ordres ten opsigte van de spoedige depeche dier scheepen, zul„ „len door mij stiptelijk werden geobserveerd, en ten dien ein„ „de met het schip de zilvere Leeuw handelen als hier voo„ „den onder het artikul van scherpen en vaartuigen genootent staat, terwijl het schip de vreede eerstdaags naar Ioana en Rembang staat te vertrekken om op eerst gem: Residen„ „tie opa den Teneur uwer Hoog Edelheedens schrijvers van den 2„' december 1784. met 73. Coijangs Rijst en voorts op laast genoemd Comptoir met Houtwerken tot verdere vollaeding bevragt te worden. — Teegens den outvoer van Rijst naar de Overwal waar omtrent de ordres alhier sonder interruptie hebben blij „ven standhouden, zal men op Java ten nauwkeurigste blijven waaken en wel tot zoo lange de weezentlijk exis= „teerende hooge noodsaekelijkheid tot eigen behouwd sulk: volstrekt gebied en uw Hoog Edelheedens mij met geen andere off nadere ordres in deesen koomen te munieeren. - Aan de geEerde qualificatie ter vervoer van Rijst tot 70. â 80. Lasten naar Riouw ten dienste van 'sComp:s besetting aldaar hoope ik tot uw Hoog Edelheedens genoegen het zij Comp„s wergen, dan wel particulier op nagt te zullen kunn„ „nen beantwoorden, dan alsoo zulks in de eerste vier maan„ „den beswaarlijk ter dutvoer te brengen is of schoon ik alles tot een spoedige verzending aanwenden zal, zoo verzoeke ik dien aangaande het positive antwoord ten deezen Sugette nog voor Een kleine tijd te moogen uitstellen, dog bij afsending naar Riouw, zal ik dat voedsel aan den Commandant aldaar Consigneeren, onder aanschrijvens om daar van ten dienste der bezetting en de gemeente soodaenig gebruik te maeken, als hij Commandant naar tijds omstandigheeden voor 'sComp:s belang raadsaam zal oordeelen. —. Ten selven daegen dat ik uw Hoog Edelheedens brieven hier voren gemeld de Eere had te ontvangen, erlangde ik ook teffens het aangenaame en seer opbeurende narigt van Cheribon dat de te Malacca in expeditie g'Emploijeerd geweest zijnde Teegens: scheepen.
English
page 49 Samarang the 20th January 1785. ships De Diamant and 't Hoff ter Linde, which had suffered so much off Crauwang from a most violent storm, were preserved and found themselves in safety at the Cheribon roadstead: Along Java everything possible was done to search for those hulls, and had they put in here or elsewhere, no effort would have been spared to do everything conceivable or feasible for their preservation; meanwhile, with Your High Excellencies' favorable approval, I shall retain here the anchors, ropes, and the like recently received with the small ship De Vreede, in order to make use of them as occasions arise; all the more so since we are here so well provided with those as with all other equipment goods, and I await Your High Excellencies' further arrangements and orders regarding the loading of both ships here with rice to return therewith to the principal place in the early spring. — I further have the honor to bring to Your High Excellencies' respected notice that the English bark or snow mentioned in my last separate letter of the 15th January came to anchor on the Sourabaija roadstead on the 20th of this month, intending to proceed in two days on its voyage against the monsoon to Batavia, as they very much wished to be in Batavia by virtue of the commission entrusted to them by the ministry of Bancahoeloe to Your High Excellencies; on their voyage from Banjoewangie to Sourabaija they had the misfortune of running aground on the Meijnderts rock, whereby they were brought to the necessity of dumping their drinking water recently taken in at Banjoewangie, after which they were also afloat again, with the loss, however, of one of their anchors; the officials at Sourabaija will provide them with some necessities and have them continue the voyage to Batavia as soon as practicable, but as they considered this at first as impossible and unfeasible, and therefore feared with very good reason that he would appear there once more and remain for some time, they requested the necessary orders in this regard, wherefore I have repeatedly written to them to grant the crew such further convenience and assistance as could not with propriety be refused but could be given according to Your High Excellencies' orders dated 4 May of the past year to foreign nations with which the state lived in friendship, with instructions further to guard with the utmost attention against all deceits that are so characteristic of Bancahoeloe, and carefully to prevent all mutual conversation with the native, as well as to interdict the master of the bark in a suitable manner from calling at any other post besides Sourabaija except Samarang, under the proviso Samarang the 28th January Anno 1785— High ƒ ƒ reservation. Samarang the 28th January Anno 1785. Samarang the 28th January Anno 1785. page 51. that, being unable to find assistance there, such would be regarded by Your High Excellencies as an unnecessary and superfluous matter and would not be favorably received, and that it would consequently be best for him, upon returning to Sourabaija, to wait until there is any possible likelihood of making the voyage up directly from there and sailing through to Samarang; some further letters received from this Englishman, among which is one addressed to Your High Excellencies, I have the honor to enclose herewith, and I further note with respect that, in the hope of Your High Excellencies' favorable approval of his urgent request made thereto, I shall permit Mr. Nicolaas Maas, alderman at Batavia and arriving as a passenger with the aforesaid snow from Bancahoeloe, to continue his journey from the Oosthoek over the land route to Batavia; while having nothing further here worthy of Your High Excellencies' high attention to add, I call myself with veneration, high esteem, and obedience, at the bottom: Title lower: Your High Excellencies' very humble and dutiful servant. was signed: Js Siberg in the margin: Samarang the 28th January 1785. Pursuant to your Honorable Stern Respected worshipful order, we the undersigned repaired on board the ship 't Buittenleeven destined for Ambon, in order to inspect the ship's hold and to investigate accurately the true reasons why the said vessel, according to the report of the Sea Captain Pieter Dekker, could carry no more than 250 Coijangs of rice of the projected 300 Coijangs; to this end, we first inspected the hold and found that the same, with the aforesaid quantity of 250 Coijangs alongside some timber Honorable Stern, Respected Sir, Copy. To the Honorable Stern Respected Sir Johannes Siberg, Extraordinary Councilor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director On and along Java's North-East Coast etc. etc. etc. provided of 5
Dutch transcription
pag„s 49 Samarang den 20:en Januarij 1785. scheepen De Diamant en 't Hoff ter Linde, die op de Hoogte van Crauwang door eene allerheevigste storm soo veel geleeden hadden behouden waaren, en zig ter rheede Cheribon in vijligheid bevonden: Langs Iava heeft men alles betragt wat 'moogelijk was, om die kielen op te Boeken, en soo sij hier of Elders vervallen waaren zoude men geensints gemanqueert hebben alles aan te wenden wat eenigsints moogelijk of doenlijk was tot hun behoud; ik zal intus„ „schen de Ankers, touwen en wat dier meer is Jongst met het scheepje de vreede ontvangen met gunstige goedkeuring van uw Hoog Edelheedens hier aanhouden ten einde daarvan in voorvallende geleegendheeden gebruik te maaken; te meer daar omen hier soo wel van die als van alle andere Equi= „pagie goederen sooben voorsien is en uw Hoog Edelheedens nadere schikkinge en beveelen verbeide ten opsigte van de belaading der beide scheepen alhier met Ryst om in het vroege voorjaar daarmeede na de hoofdplaats te rug te keeren. — Jk hebbe de Eere uw Hoog Edelheedens voorts nog ter geEerde kennisse te brengen dat de Engelsche barcq of snaui vermeld bij mijne laeste aparte van den 15„en Ianuarij op den 20„e deeser op de sourabaijasche Rheede is ten anker gekoomen met voorneemen om over twee dagen de rheijse tee= „gen de moutson aan naar Batavia te vervorderen, alsoo zij wel owenschten te Batavia te zijn uit hoofde van de Commissie Welke hun door het oministerium van Bancahoeloe aan Hunne Hoog Edelheedens was opgedraegen, op hunne reijse van Banjoewangie naar sourabaija hebben zij het ongeluk gehad op de Meijnderts klip vast te zaaken, waar door zij in de noodsaekelijkheid gebragt waaren hun Jongst= te Banjoewangie ingenoomen drinkwaater te storten waar na zij dan ook weeder vlot waaren geraakt met verlied egter van een Hunnen ankers, de bediendens te sourabaija zullen hen met eenige noodwendigheeden voorsien en soo dra doenlijk de keijse na Batavia laaten vervolgen, dan alsoo zij sulks voor eerste als onmoogelijk en niet doenlijk quaamen aan te merken, en dus met seer veel grond vreesden dat hij aldaar andermaal verscheinen en eenige tijd zoude koomen te verblijven, soo verzogten zij dien aangaande de noodige Ordres, waaromme ik Hun bij herhaeling aangeschreeven heb„ om aan de scheepelingen die verdere gerieflijkheid en adsis= „tentie te bewijsen als met geen Welvoegendheid geweigerd maar volgens de ordres uuwer Hoog Edelheedens de dato 4. maij A„o p=o aan vreemde natien waar meede de staat in vriend= „schap leefde konde gedaan worden met last verder om tee„ „gens alle honkelarijen die van Bancahoeloe soo seer eigen met de uyjterste attentie te waaken en sorg vuldig eene gemeen„ „schappelijke Conversatie met den Inlander teegen te gaan, mitsgaders voorts den voerder van de Barcq op eene geschikte wijse te interdiceeren om buijten sourabaija geen ander Comptoir aan te doen dan Samarang onder voor be„ Samarang den 28„en Januarij A:o 1785— Hoog= ƒ ƒ Rouding. Samarang den 28„e Januarij A:o 1785. Samarang den 28„e Januarij A„o 1785. pagj 51. „houding dat hij aldaar geen adsistentie kunnende vinden sulks door uw Hoog Edelheedens als een onnoodige en overtot= „lige zaak beschouwd net gunstig zoude opgenoomen werden en dat het overzulks best voor hem zoude weezen om bij retour op Sourabaija soo lange te vertoeven tot dat 'er eenige moogelijke waarschijnlijkheid is om direct van daar de ophaal togt te doen en naar samarang door te zeilen, eenige nader ontfangen brieven van deesen Engelsman, waar onder een aan uw Hoog Edelheedens gerigt, heb ik de Eeven bij deese in te sluijten en noteere verders in Eerbied dat ik de Heer Nicolaas Maas, scheepenen te Batavia en als passagier met de voorschreeven snauw van Bancahoeloe koomende in hoope van uwHoog Edelheedens gunstige approbatie op zijn daar toe gedaan instandig verzoek permitteeren zal om uijt den Oosthoek over den Landweg naar Batavia zijne Rheijse te vervolgen, terwijl ik hier niets meerder uw Hoog Edel= „heedens hooge attentie waardig bij te voegen hebbende mij met veneratie Hoog agting en gehoorsaamheid noeme„ /:onderstond:/ Titul /:lager:/ uwer Hoog Edelheedens zeer onder„ „danige en Trouw schuldige dienaer. /:was geteekent:/ J„s Siberg /:in margine:/ Samarang den 28„en Januarij 1785. Jngevolge uw Ed: Gestr: Achtb: g'eerde ordre hebben wij on„ „dergeteekende ons vervoegd aan Boord van 't na Am= „bon gedestineerd schip 't Buittenleeven ten zijnde de scheeps ruijmte te visiteeren en nauwkeurig te ondersoeken na de waare reedenen waaromme gemelde bodem volgens opgave van den Capitain ter Zee Pieter Dekker niet meerder dan 250. Coijangs rijst van de geprojecteerde 300: Coijangs vervoeren konde, wij hebben hier toe dan Eerstelijk het ruijm„ genoo= „men en bevonden dat het selve met de voorsz: quam „titeijt van 250: Coijangs nevens eenige houtwerken Wel-Edele Gestrenge, Achtbaeren Heer, Copia. Aan den WelEdelen Gestrenge Achtbaren heer Johannes Siberg, Raad Extra ordinair van Nederlands Jndie, mitsgaders Gouverneur en Diracteur Op en langs Javas noord oost Cust &: Hb: &b: verze: van 5
English
Samarang the 28th of January Anno 1785 Copy, Samarang the 28th of January Anno 1785. 3200. 1500. 600. was fully laden from here up to the hatches, so that nothing more whatsoever could be stowed therein; while we furthermore have formed an estimated weight of that which was shipped in the ship from Batavia and which calculation being attached hereto shows: that this, not counting the voluminous goods, comes to hold in weight lb 241780. for that shipped from Java comes lb 898800. And thus together for the Company's cargo a weight of 14050 lb or about 357 koyang. to this is now also added for the permitted cargo of the officers and for the rations of the crew 60 koyang. so that the carriage of the ship in weight contains also 417 koyang. which is judged to be sufficient when one at the same time considers that the lord Governor of Ambon departs on that vessel, whose baggage also takes up some volume. Hoping hereby to have complied with the honored intention of Your Right Honorable and take the liberty with the deepest respect and high esteem to call ourselves, below: Title lower: Your Right Honorable entirely obedient servants was signed: A. Berton and G.t de Gelder, in the margin was written: Samarang the 17th of January Anno 1785. 74000. Estimated weight regarding the carriage of the ship Buitenleven from Batavia via Java to Ambon, as: 60,000 rijksdaalders in cash lb 1080. 33 packages of assorted linens lb 15000. 50 bales of cotton yarns lb 6500. 60 leagers of arrack 8 quarter leagers of arrack 8 cases of paper 2 cases of sailcloth Of gunpowder 4 rotating grindstones Carried forward lbs 2720. 6 pieces of rigging 33 barrels with pitch, tar, and rosin lb 16000. 1 case with Russian leather lb 200. 1000 lb Banka tin lb 1000. 30 piculs of coffee beans lb 4000. 6 half aams of olive oil lb 800. 13300 lb assorted iron lb 13300. 300 lb steel lb 300. 2 cases with craftsman's tools lb 2000. 2 pieces of bickerns weighing lb 1300. a burden of copper lb 300. lead and sow ingots lb 1000. 1 case with writing implements lb 500. various artillery goods lb 1000. 2000 lb wax candles lb 2000. 2 half aams of train oil lb 300. 2 medicine chests lb 1000. 2725 lb nails lb 3000. 4 rolls of sheet lead lb 2600. 4 cellarets of liquor lb 200. 2 lasts of wheat lb 6200. of assorted paints lb 1300. 13 rolls of canvas, linen, and other cloth lb 300. 2 pieces of cable ropes lb 3000. of 6 iron grapnels lb 1200. 12 pieces of wheel hawsers lb 7200. 10 [illegible] of smithing coal lb 30,000. 1000 lb pepper lb 1000. 6 barrels of butter lb 3400. 15 barrels of meat lb 11000. 6 heavy blocks lb 1000. lb 1000. turn over etc. page 53. lb 18000. Samarang the 28th of January Anno 1785: Samarang the 28th of January Anno 1785: page 55: Carried forward lbs 237200. 2 pieces large bellows lb 1500. 1 case with coats of arms goods lb 500. for various small sundries lb 2500. so that the Batavian cargo contains in weight lbs 241700. for the carriage from Java: as, 50 pieces capstan bar beams 400 mill planks of 1 inch lb 15000. 250 lasts of regular rice 2 lasts of white rice together 257 lasts or lb 873800. lb 898800. 5 lasts of paddy comes together, for the weight of the Company's cargo lb 1140500. or circa koyang 357. To which must now still be added, as the burden for the ship's officers usually assessed at 180,000 lb or koyang 40. as well as the provisions and rations for the crew assessed at koyang 20. Whereby for the total weight of the cargo comes to koyang 417. lb 10600. being as much as this vessel can carry further without difficulty, not so much by consideration of the weight as the voluminousness of the Batavian boxes, cases, and bales, by which the hold, according to this accompanying report upon inspection made, was found full up to the hatches, while at the same time the baggage of the traveling lord Governor of Ambon takes up some space. below stood: Samarang the 17th of January 1785. signed: D. F. Berton and G.t de Gelder. turn over
Dutch transcription
Samarang den 28:e Januarij A„o 1785 Copia, Samarang den 28„e Januarij A„o 1785. - - - - - „ 3200:–. - - - „ 1500:— - - - - - - - „ 600:– van hier tot aan de luijten vollaaden was, soo dat daar inne hoe genaamd iets meerder konde geborgen worden; terwijl wij voorts een Calculative swaarte hebbe geformeerd van het geen in 't schip van Batavia is afgescheept en welke bereekening hier neevens gevoegd zijnde aantoond: dat zulx ongereekent het voliminau= „se aan sewaarte komt in te houden. . . . lb: 241780:— voor 't afgescheepte van Java komt - - - „ 898800:— En dus te saamen voor's Comp„s lading avan swaarde 14050 lb ofte akn 57. —. hier bij stellen nu nog voor de gopermitteerde lasten der overheeden en voor de Randsoen dor scheepelingen. - „ 60. — soo dat den vervoer van 't schip aan swaarte inhoud Oock 417. — het geen geoordeeld word toerijkende te zijn als men daar bij teffens overweegt dat men dien bodem de heer Ambons gou„ „vrneur vertrekt welkers bagagie ook al eenige volumen uitmaakt. — Verhoopende hier meede aan de geEerde intentie van uw Ed: Gestr: Agtb: te hebben voldaan en neeme de vrijheijd ons met den Diepsten Eerbied en hoog agting te noemen, /:onderst:/ Titul /:lager:/ uw Ed: Gestr: Agtb: gansch gehoort dienaar /:was geteek:d:/ A„ Berton en G„t de Gelder, /:in margine stond:/ Samarang den 17' Januarij A„o 1785. - - - - - „ 74000: —. falculative swaarte weegens den vervoer van 't schip Buijtenleeven van Batavia over Java naar Ambon, als: 60'000: rd„s aan Contanten. . . . . . . . . lb: 1080: — 33. pakk:s lijwaaten in Zoort - - - - - - - „ 15000: —: 50: baelen Cattoene gaarens. - - - - - - - - „ 6500: — 60. leggers Arak. - - 8: vierd„o _„o 8: kassen pampier 2. kassen Zeijldoek - - - - Aan buskruijs 4. draaij Slijpsteenen - Transporteere - - - - lb:s 2720:-. 6: stukk: wand - - - - - - - - - 33. vaeten met pieken Theer en harpuijs. . . . . . „ 16000: —. 1. kas met Zugt leer. - - - - - - - . „ 200:— 1000. lb: Thin Bankas - - - - - - - „ 1000: —. 30. pic„s Coffij boonen - - - - - - - - - „ 4000: —. 6: halve aamen Olijven olij - - - - - „ 800:—. 13300: „ ijzer in Zoort - - - - - - - „ 13300:—. 300: e„ Staal - - - - - - – – – - „ 300:—. 2. kassen met Ambagts gereedschappen - - - - „ 2000: —. 2. p„s speerhaaken weeg: - - - - - - - „ 1300: —. „ aan last van kooper - - - - - - - - „ 300: —. „ lood en zeugen schuijten - - - - - - „ 1000: —. 1. kas met schrijf gereedschappen - - - „ 500: —. diverse Arthillerij goederen - - - - - - - - „ 1000:—. 2000: lb: „ wax kaarssen - - - - - - - - „ 2000:— 2. halve aamen Thraan - - - - - - „ 300:—. 2: medesijn kisten - - - - - - - - „ 1000: — 2725: lb: spijkers - - - - - - - - - „ 3000:—: „ 4. rollen plat lood - - - - - - „ 2600:—. 4. kelders drank - - - - - - - - - „ 200:—. 2. last Tarwe - - - - - - - - - - „ 6200:—. aan verwen in Zoort - - - - - - - - „ 1300: —: 13. rollen Eever, Carel en ander doek - - - - „ 300: —. 2. pees Cabeltouwen - - - - - - - - „ 3000:— aan 6: ijzere dreggen - - - - - - - - „ 1200:—. 12. p„s wiel trossen - - - - - - - - „ 7200:—. 10. hreden smeekoolen - - - - - - - - „30'000:— 1000. lb: peeper - - - - - - - - - „ 1000: —: 6: vaeten booter - - - - - - - - „ 3400: —. 15: vaeten vleesch. . . - - - - - - - „ 11000: —. 6: swaare bloks - - - - - - - - „ 1000. —. - – – - „ 1000:—. verte etc. pag 53. — - - - - - - - - „ 18000:—. Samarang den 28: Januarij A„o 1785:—: Samarang den 28: Januarij A„o 1725: — panij 55:—. P„r Transport. . - lbd 237200:—. 2. p„s Groote blaas balgen. . . . - - - - - „ 1500: — 1: kas met wappen goederen. . . . . . . . - - „ 500: — voor diverse kleenigheeden - - - - - - - - - „ 2500: — soo dat de batawviasche lading aan swaarte inhoud - - - lb:s 241700:—. voor den vervoer van Java: als, 50: p„s balken windbooms 400: „ Moole planken van 1: d„m - - - - - „ 15000 — 250. lasten ordinaire rijst 2. „ witte rijst. - . te zaamen 257. lasten of. . . „ 873800. —. „898800. -. 5. „ padij - 0 komt te saamen, voor de swaarte van Comp„s lading - lb 1 4500 dan wel Curca. . . . - Coijang. 337. —. Waar bij nu nog moet worden gevoegd, als de lasten voor de scheeps overheeden gewoonelijk „ 40. —. op 180'000. lb: gesteld. off . . . .. - mitsgaders de provisien en Randsoenen voor de scheepeling gesteld op - - - - - - - - „ 20: —: No Wanneer voor de geheele swaarte der lading komt Cijt „ 417. — . . . . lb: 10'600: —: zijnde zoo veel als deese bodem zonder bedrig„ „ting meerder vervoeren kan niet zoo zeer uijt aanmerking van 't gewigt als het volu„ „mineeuse der bataviasche kisten, kasten en bae„ len, waar door het ruijm volgens deese versel¬ „lend berigt bij gedaane visitatie tot aan de luijken vol bevonden is, Terwijl teffens de Equipagie van de overgaanden heer Ambons gou„ „fneur eenige ruijm te beslaat. /:onderstond:/ Samarang den 17. Januarij 1785. /:geteekent:/ D Fj Berton en G=t de Gelder. — „lend: verte
English
Samarang the 28th of January Anno 1785. Samarang the 28th of January Anno 1785. page 157: We, the undersigned, Tommongong Tjitro Poero and Raja die Poero, having assumed office and been appointed, upon the dismissal of the old Tommongong Rezo Prodijo, the latter's father, through the exceptional goodness of the Illustrious General Dutch Chartered East India Company, as first and second Regent respectively of the Company's district of Japara, with the title and name of honor of Tommongong Tjatro Soema and Raxa die Poero, hereby bind ourselves together and each one in particular, alongside all our mantris great and small, none excepted, to the fulfillment of the following conditions and terms, which we promise faithfully to observe and cause to be observed: Article 1. That we shall be loyal and faithful to the aforementioned Illustrious Dutch Company, our sovereign, in the administration of its district of Japara entrusted to us, and shall perform the service to the best of the same and its subjects, with all attentiveness, obedience, and zeal, pursuant to the orders that shall be given to us from time to time, whether from the High Indian Government at Batavia, the Governor and Director of this Coast, or else in their name by the Resident of the Company's district here at Japara. That for that very reason we shall also not meddle with the trade that is carried on from outside into the country of Japara, any further than the Company shall come to order and allow us, but that we shall with all loyalty and attentiveness watch over, prevent, and counter all smuggling and everything that might be put into practice to the detriment of the Company's trade or revenues here, whether in opium, textiles, or other articles of commerce or trade, both from the other shore of Java, Bali, and the further islands lying to the east thereof; also from where the Bawean or the island of Lubok where it might be to, and that we, on the contrary, shall maintain the Shahbandar offices of the Company situated in the country of Japara according to the ancient customs, so Article 2. That we, on the contrary, shall hold no intercourse or correspondence with upper- or inland regents and chiefs, no more than with others who do not fall under the Company alongside us, and especially with no one outside Java, without obtained special permission thereto from the Governor and Director at Samarang. Article 3. That as often as it is required of us, we shall appear in person at Samarang and even at Batavia to pay our respects to the Company, our sovereign, to whom we owe our entire prosperity and advancement. Article 4. much as is in our power seek to improve, and also concerning that do and observe everything that shall be ordered and assigned to us on the Company's behalf. Article 5. That, in recognition of the great favor shown to us and in proof of our everlasting obliged loyalty to the Company, we shall yearly at Moulut not only render, and at Samarang pay, the amount traditionally fixed for this district of 650 Spanish reals or 812½ Dutch rix-dollars, that is to say, Eight hundred twelve and one-half Dutch rix-dollars for elephant money, but also deliver and supply into the Company's warehouses at Japara at the latest before the end of the month of October: 120, that is to say, One Hundred and Twenty koyans of Rice at fifteen Dutch rix-dollars the koyan; furthermore also 20, that is to say, Twenty piculs of Cotton yarn, as much as possible of the finest sort or letter A; and 20, that is to say, Twenty piculs of Indigo, if the crop yields that quantity, and otherwise as much as will be ever possible for us, of the first or best sort, both at the Company's fixed prices; alongside 2000, that is to say, Two Thousand pieces of beams, as long and heavy as possible, at 20 stivers in buffalo money for each beam. To which we hereby solemnly bind ourselves under forfeiture of the Regency entrusted to us. Article 6. That, in order to fulfill our obligation and promise, we shall not only ourselves constantly urge our subordinates to cultivate the lands, and lease no negorijen or dessahs to Chinese or others without the special foreknowledge and permission of the Governor and Director over this Coast, but shall also, as strictly as possible, counter and seek to prevent all clandestine buying up of rice in the district placed under us, and likewise its export to places not under Java, and particularly to countries not falling under the Company; and, except for those who are permitted to do so on the Company's behalf, allow no one else to buy up rice except for necessity, before our fixed contingent of the aforementioned 120 koyans has actually been delivered into the Company's warehouses. Article 7. That in case the Company, over and above the aforementioned 120 koyans of rice which, as said before, we are obliged to deliver yearly without fail and any contradiction, should need yet more rice, and should have that grain or also other products of the land bought up in its Regency of Japara at ordinary Company purchase or market prices, we shall in no way oppose this; but on the contrary, as becomes and befits loyal regents, seek as much as possible to facilitate and promote that purchase on our part, binding ourselves hereto in such a solemn manner that, failing in this regard, we shall willingly subject ourselves to the penalties and punishments that shall be imposed upon us on behalf of the Company.
Dutch transcription
Samarang den 28„' Januarij A„o 1785. Samarang den 28„e Januarij A„o 1785. — pag: 157: Wij ondergeteekende Tommongong Tjitro Pormo„ en Raja die Poerd, mits de ontslaeging van den Toud„ „mongong Rezo Prodijo /:des laastgenoemde Vader:/ door de sonderlinge goedheijd van de Doorlugtige Generaale Neederlandsche g'octroijeerde oost-Jndische Compagnie, opgetreeden en aangesteld zijnde, tot Eerste en tweede Regent respective van 't Comp„s district Iapara, met den titul en Eere naam van Tommongong Tjatao Soema en Raxa die Poero, verbinden ons bij desen te zaamen en een ieder in het bijsonder, neevens alle onse man„ „tries groot en kleijn geen uijtgesondert, tot de nakoming der ondervolgende Conditien en voorwaarden, welke wij belooven getrouwelijk te zullen observeeren en doen observeeren: —. NatC: 1. — Dat wij de voorschreeven Doorlugtige Nederlandse Maatschapppije, onsen opperheer, in het, onder ons gestelde bestier van haar district Japara, gehouw en getrouw wesen, en den dienst ten beste van deselve en haare onderdanen, met alle oplettendheijs gehoorzaamheijd en uwer waarneemen zullen, agtervolgens de beveelen die ons van tijd tot tijd zullen werden gegeeven, het zij van de hooge Jndiaasche regeering te Batavia den heere Gouverneur en directeur deeser Custe, dan wel uijt derselver naam door den Resident van 's Compagnies district hier te Japana. - Dat wij ook eeven daarom ons met de negotie die van buijten in het land Japara gedreeven word, niet verder zullen bemoeijen als de Compagnie ons komt te ordonneeren en toelaaten zal, dog dat wij met alle trouwe en oplettendheijd zullen waeken, weeren en tee„ „gengaan, alle sluijkerijen en alles wat tot nadeel„ van 's Comp„s negotie of Jnkomsten alhier mogte worden in 't werk gesteld, het zij in amphiorij„ kleeden of andere articulen van handel of ne„ „gotie, zoo van de overwal van Java, Balie en de verdere Eijlanden daar beoosten leggende; ook van waar e de baviaan of het Eijland Lubok waar na toe het zoude moogen weesen, en dat wij in teegendeel de Sabandharijen van de Compagnie in het land Japara leggende, volgens de oude gebruijken zullen mainctineeren, zoo Dat wij daar en teegen met booven of binnen= „landsche regenten en hoofden eeven min als met andere die niet neevens ons onder de Compagnie sorteeren, en voor al met niemand buijten Java geen gemeen= „schap ofte Correspondentie houden zullen, zonder daartoe erlangde speciaale permissie van den heere gouverneur en directeur te Samarang. — Art: 3. —. Art: 2. Dat wij zoo dikwils als het van ons gerequi„ „reead; woad, ons persoonelijk zullen koomen vertoonen „te Samarang en zelfs te Batavia om onse Eerbied te bewijsen aan de Comp„e onsen opperheer aan wien wij onse geheele welvaard en bevordering te danken hebben. —. Nat: 2. c veel. / C Artl: 4. —. Samarang den 28: Januarij A:o 1785: Samarang den 28„e Januarij A„o 1785. — veel in ons vermoogen is zoeken te verbeeteren, en ook daar omtrend te doen, en te observeeren, alles wat ons 's Compagnies weegen zal gelast en opgedraagen worden. — Artl: 5:—. Dat wij in erkentenisse van de groote gunste ons beweeset en tot bewijs van onse Eeuwig duurende schuldige Trouwe aan de Compagnie Jaarlijx met Moulut niet alleen zoude opbrengen, en te Samarang voldoende van ouds voor dit district bepaalde. 650: spaanse reaalen of 812½. rijxd„s hall„ /:zegge:/ Agt hondert twaalf en Een halve rijxd„s holl„s voor gatjas gelden, maar ook uijtterlijk voor 't uijtgaan van de maand October in 's Compagnies pakhuijsen te Japara beorgen en leeveren. —. 120: /: zegge:/ Een Hondert en Twintig:/ Caijangs Rijst teegen vijftien rijxd„s holl„s de Caijang voorts ook. 20: /:zegge:/ Twintig:/ picols Cattoene gaarens, zoo veel doenlijk van de fijnste zoort of lr: A:, en 20: /: zegge Twintig:/ picols Jndigo, indien het gewas die quantiteijt uijtleeverd, en anders zoo veel ons maar immers mogelijk zal zijn eerste of beste zoort, beide teegen 's Compag„ „nies bepaalde prijsen, neevens. 2000: /: zegge:/ Twee Duijzend pees balken zoo lang en swaar als mogelijk teegen 20: stxer„s aan buffel gelden voor ieder balk. waar toe wij ons bij deesen onder verbeurte van het ons Hoevertrouwde Regentschap Solemneel verbinden. — Aatl: 6:—. Dat wij ingevalle de Compagnie booven de voorschre Dat wij om onse verpligting en geloste gestand te doen, niet alleen onse onderhoorige zelfs, steeds tot de bebouwing der landen aansetten, en geen nego= „rijen of Dessaas aan Chineesen of andere, buijten speciaale voorkennisse en permissie van den heere Gouverneur en directeur over deese Cust verhuuren zul„ „len, naar ook allen Clandestinen, opkoop van rijst in het district onder ons gesteld, en zoo ook dies uitvoer naar plaatsen, niet onder Java en wel incon= „derheid naar Landen niet onder de Compagnie sor„ teerende, zoo veel moogelijk strengelijk zullen teegengaan en zoeken te weeren, mitsgaders buiten de geene die zulx 's Compagnies weegen word gepermit„ „teerd, door niemand anders rijst, als tot nooddruft zullen laaten inkoopen, voor dat ons bepaalde Contingent van 120: Coijangs voormeld, Weesentlijk in 's Compagnies pak Art: 7. — „ven 120. Coijangs rijst die wij gelijk voorsegt verpligt zijn, Jaarlijx zonder fout en eenige teegenspraak te leeveren, nog meerder rijst mogte benoodigd weesen, in die korll of ook wel andere producten van het land in haar Regentschap Iapara tegens ordinaire 's Com„ „pagnies inkoops, dan wel marksprijs liet inkoopen ons geenzints daar teegens zullen aankanten; maar in teegendeel die opkoop, van onse kant, zoo als trouw regenten toestaat en betaamt zoo veel moogelijk zullen zoeken te faciliteeren en bevorderlijk maaken, verbindende ons hier toe op een zoodanig solemneele wijse dat wij daar omtrend in gebreeken blijvende ons gewil= „lig zullen onderworpen, aan de paenaliteijten en straffen, die ons van weegen de Compagnie zullen werden opgelegd. —. „ven. „ huijsen. 1:
English
Samarang the 28th January Anno 1725: Samarang the 28th January Anno 1785. houses in Japara will be provided and received. Article 8. That we furthermore, also in service of the Company's ordinary works here, will daily provide and keep in readiness; in total: 36 battoors, not counting their heads, in service of the Company's lodge and warehouses. 3 proa mayangs, besides the vessels required for cruising against the pirates. 2 horses, and in extraordinary occurrences, also for the unloading and loading of the Company's ships, above that the necessary battoors and vessels, all for free. Which latter, however, we request that, outside the aforementioned cases and necessity for the Company's service, may not be demanded of us. Article 9. Furthermore we promise, alongside our pepattihs and jakhas given to us by the Company, not to settle any matters of any importance concerning the subject, except with communication and consent of the Lord Governor and Director aforementioned; but that we shall henceforth refer all delinquents and criminals, according to the order of the Company, to the Landraad at Samarang, and content ourselves solely with the settlement of small disputes of little consequence. Article 10. Just as we also promise in general, to treat the subjects of the Company's regency of Japara, both great and small placed under our supervision, in all justice and equity, not to impose any new burdens, nor to dismiss, wrong, or replace any of our mantris, much less jakhas or pepattihs, but that whenever any of them might conduct themselves unfaithfully or dishonourably toward us, or even so much the more toward the Company, we shall first give notice thereof and implore assistance, even if necessary to the provisional arrest of their person and goods, handing over the matter then for the decision of the Lord Governor and Director at Samarang. Article 11. Furthermore we seriously promise that we shall continually strive to live with everyone in all peace and friendship, as well as cause our subordinates to maintain all peace and friendship among one another, and that we shall not meddle in the least with the governance of the bordering lands, nor arrogate any authority over such territories, but on the contrary shall live in all peace, friendship, and good neighbourhood with those who are appointed by the Company as regents in those lands and their subordinates; the more so as such is also the Company's commands to the inhabitants of those lands, and this thus tends toward mutual peace and prosperity. Article 12. Finally and lastly, that in all extraordinary occurrences of which no special mention is made herein, and which in time might require some further determination, we shall submit to the discretion of the Company, and the orders that might be given in that regard, whether in case of any change or otherwise, we shall obey with as much zeal and diligence as we, in sign and proof that we shall sacredly comply with and intend to comply with the contents of this Deed and the promises and obligations made herein without the slightest deviation, as well as maintain and cause to be maintained without the least contradiction this Deed of obligation along with two more of identical content, signed with our own hand and sealed with our seal, and solemnly sworn upon the Quran at Samarang the 20th December Anno 1784. Underneath stood: Thus done, signed, and sealed in my presence, was signed: J. Siberg, and with it the Company's seal stamped in red wax. Underneath: In the knowledge of me, was signed: Wm Kerkman, Secretary. In the margin: Stood the seals of the aforementioned regents and that of the Samarang head regent Adipattij Soero Dimongollo, also in red wax. pages 63. Samarang the 27th January Anno 1785. Samarang the 12th February Anno 1785. Right Honourable, Stern, High and Right Mighty Lord, To His High Honour, The High and Noble, Stern, Right Mighty Lord! Mr. Willem Arnold Alting, Governor General, and the Right Honourable and Stern Lords Councillors of the Netherlands Indies, etc. etc. etc. Batavia. Honourable and Stern Lords, In accordance with the content of my humble letter of the 22nd December Anno passato, I have, in compliance with Your High Honours' favourable disposition regarding the construction of a new Resident's dwelling at Japara, for the Company's account, sent the Engineer Jean Baptist Pilon thither in order to form a plan according to the intention; and this having since attained its completion, I respectfully take the liberty herewith to offer to Your High Honours the drawing made thereof.
Dutch transcription
Samarang den 28„e Januarij A„o 1725: Samarang den 28„e Januarij A„o 1785. „huijsen te Iapara zal bevorgd en ontfangen zijn. Art: 8. . Dat wij voorts almeede ten dienste van 's Compagnies ordinaire werken alhier, daagelijks zullen besorgen en gereed doen houden; te saamen. 36: battoors, ongereekend derselver hoofden, ten dien „ste van 's Compagnies logie en pakhuijsen. 3. prauw maijangs /: buijten de vaartuijgen, die ver bekruijssing teegen de zeeroovers worden gerequireerd. 2. paarden, en bij Extra ordinaire voorvallen, ook van ontlossing en belaading van 's Compagnies scheepen daar booven de benoodigde battoors en vaartuijgen, alle voor niet. —. dog welke laaste wij versoeken, dat buijten de voorschree„ „ven gevallen en noodzaakelijkheijd, tot 's Compagnies dienst, van ons niet moogen gevergd worden. —. Wijders belooven wij neevens onse pepattijs en Jaxas door de Compagnie aan ons gegeeven, geene zaaken van eenige aangeleegentheijd den onderdaan betreffende aftedoen dan met Communicatie en toestemming van den heer Gouverneur en directeur voormeld, maar dat wij alle delinquanten en misdadigers voortaan na de ordre van de Compagnie zullen renvoijeeren. aan den landraad tot Samarang, en ons eenelijk te vreeden houden met de afdoening van kleijne geschillen van weijnig belang. —. Artl: 10. Gelijk wij ook in 't algemeen belooven, de onderdaa„ „nen van 's Compagnies regentschap Iapara zoo wel groote als kleijne ons opsigt gesteld in alle regt en billijkheijd te behandelen, geene nieuwe lasten opteleggen geene van onse mantries veel min Eijndelijk en ten laatsten, dat wij in alle Extra ordinaire voorvallen, waar van in deese niet spe= „ciaal is gesprooken; en die in der tijd eenige nadere bepaeling mogte requireeren, ons aan het goedvinden van di Compag„ „nie gedraagen, en de ordres d daar omtrent, het zij in Cas van eenige verandering ofte andersints mogte gegeeven worden, zoo veel met ijver en vlijt zullen obedieeren, als wij tot een teeken en bewijs dat wij den inhoud deeser Acte ende daarbij gedaan Wijders beloove wij serieusselijk dat wij met een ieder geduurig in alle vreede en vriendschap zullen tragten te leeven, mitsgaders onse onderhoorige onder den anderen ook alle vreede en vriendschap doen onderhouden, en dat wij ons met de reegeering van de aangrensende landen in 't minst niet bemoeijen of over zoodanige landschappen eenig gezag aanmatigen, maar in teegendeel met de geene die door de Compagnie als regenten in die landen aangesteld zijn, en haare onderhoorige in alle Vreede vriendschap en goede nabuurschap leeven zullen, te meer dat ook 's Compagnies beveelen, is, aan de Jnwoonders van die landen, en zulx dus tot wederzijds rust en welvaard komt te strekken. — Jaxas of popattijs te verstooten, te verongelijken ofte verwisselen, maar dat wij wanneer iemand van deselve zig ontrouw of onvroomelijk teegen ons, of nog soo veel te meer teegen de Compagnie gedraegen mogte, alvoorens daar aff kennisse geeven, en adsistentie imploreeren zullen, zelfs des noods tot een provisioneele arresteering van desselfs persoon en goederen, geevende de zaak dan over ter decisie van den heer Gouverneur en Directeur te Samarang. — Jacas beloften. Arll: 9. —. ƒ 88 ƒ Nrtc: 12. Aatc: 11. –. ll pag„:s 63. — Samarang den 27„e Januarij A„o 1785:—. Samarang den 12„e Februarij A„o 1785. — beloften en verkintenissen zonder de minste afwijking leijlig zullen nakoomen en meene na te koomen; mits„ „gaders onderhouden en doen onderhouden zonder de minste teegenspraak deese Acte van verband neevens nog twee van gelijken inhoud, met eijgen hand onderteekend en met ons zegul verseguld, mitsgaders op den A„ „coran plegtig beswooren hebben te Samarang den 20:=e December A„o 1784:— /:onderstond:) Aldus gedaan, geteekent en gesee= „guld ten mijnen overstaan /:was geteekent:/ I=s Siberg, en daar bij 'sComp=s zegul in rood lacq gedrukt /:daar onder:/ Jn kennisse van mij /:was geteekent:/ W„m Kerkman JeC t„o /:in margine:/ Stonden de Cachetten der voornoemde regen„ „ten en die van den Samarangs hoofd regent Adipattij Soero Dimongollo, mede in rood lacq. Conform den inhoud mijner needrige van den 22„e December A„o p„o, heb ik in voldoening aan uw Hoog Edelheedens gunstige disposi„ „tie weegens het bouwen van een nieuwe Resi= „dents wooning te Japara, voor 'sComp=s Reekening den Jngenieur Jean Baptist Pilon derwaards gesonden ten eijnde een plan te formeeren naar de Jntentie en dit zeedert zijn beslag erlangt hebbende, neem ik eerbiedig de vrijheijd uw: Hoog Edelheedens hier bij aan te bieden de daar van gemaakte afteer= WelEdele Gestrenge Heeren; Hoog Edel, Gestrenge Groot Achtbaeren Heere, Aan zijn Hoog Edelheid. Den Hoog Edel, Gestrenge, Groot Achtbaaren Heere! M„r Willem Arnold Alting; Gouverneur Generaal, en de welEdele Gestrenge Heeren Raaden van Neederlands Jndia en P: en z: enz:—. Batavia; vte koning en
English
Samarang the 12th of February A:o 1745. page 65. drawing under N:o 1. this new building, instead of being built on the same spot where the old one stands, shall be placed in another manner or as determined in the plan at L:a K: Partly and indeed primarily because the soil of the old terrain is entirely infested by ants so that it cannot be rebuilt with any peace of mind, and secondly in order to obtain a pleasant view from that arrangement, such as of the mountain, the fort, the Bridge and the square. While the building shall consist of a front and rear gallery with two rooms on either side, a hall, two large rooms and two small alcoves being the side apartments, two kitchens, 2 firewood sheds, a water shed, two pantries, the necessary slave quarters, wells, a balcony on the river and a cattle pen. Under the corners and masonry walls, sufficient piles of 16 feet shall be driven and the entire foundation covered with planks, as upon inspection of the terrain such was deemed necessary. In order to show the entire specification of the residency, various Company buildings have been placed in the accompanying plan, Samarang the 12th of February A:o 1785. and the buildings that are to be rebuilt are outlined in red, while the Engineer Pilon states as very necessary a renewal of the gate and also to provide the same with brickwork pillars, as well as to revet the river and the moat anew, the whole excluding the mentioned gate being calculated at a sum of rd:s 6089: 43. 8. which, excluding the woodwork, appears to me very moderate in proportion to the drawing, and the buildings being very necessary, capable, yet without unnecessary splendour and outward appearances, shall be constructed, so that I calmly await your High Honours' favourable authorization thereon, and at the same time enclose herewith a copy report of the Engineer Pilon submitted to that effect, together with a calculated estimate of its costs. Meanwhile, the necessary ocular inspection of the lodge at Ioana having also been taken by the said Engineer, he has formed the accompanying plan thereof, reinforced by the report annexed thereto, in which he demonstrates in detail the defects, poor design, and situation of the fort, and primarily that the same has no defensive fire except through two flanks of 9 to 10 feet in length, which sweep along the southern and northern curtains with one gun, that all the ordnance placed on the batteries does not defend the fort page 67. Samarang the 12th of February A:o 1785. Samarang the 12th of February A:o 1735. except by an offensive fire, by which defect the enemy, making his approaches before the capital angle of each point, can reach under the wall without danger. That the front and rear gates, which should be somewhat stronger than the other sides of the fort, are, on the contrary, the weakest. The interior buildings on the south, north, and east sides bearing upon the rampart wall, no small arms can be used along those sides, while there is no communication from one point to the other due to the lack of a rampart walk. That the lodge is so covered by the residency and private dwellings that one can approach up to the foot of the walls without any hindrance, also noting in that report that the defects in the buildings consist of the following, namely: That the fortification wall on the south, north, and east sides, where the interior buildings bear upon those walls, is heavily cracked and subsided. The two front batteries are supported on the outside by three buttresses in order to bear the ordnance, the walls so low that one could get into the embrasures with the help of a chair. That the guardhouse and the warehouses are still in a decent state and could still serve with the renewal and raising of their floor, but when the ordnance of the two nearest batteries is fired, the wall vibrates so strongly that all the plaster falls off, and causes fear of a collapse, as the rampart wall is considerably cracked. That the rice warehouse is entirely unfit to be used. The remaining quarters dilapidated, and the revetment of the moats entirely decayed. The reporter adding to this that the foundation of the rampart walls is far too weak to bear the weight with which they are loaded, and that it is not feasible to repair them except by an entire new construction, by which no improvement would be made to the lodge on account of its poor design, and the costs of the repair would run almost as high as those of a new lodge. That it could nevertheless be constructed in the following manner: 1st To leave the rampart walls in the state they are in, provided the cracks are repaired. 2nd To reinforce the front gate by a protruding ravelin
Dutch transcription
Samarang den 12:e Februarij A:o 1745. pag: 65. — „kening onder N=o 1. zullende dit nieuwe gebouw in steede van het op deselve plaats daar het oude staat, te bouwen op eene andere wijse of soo als in 't plan bij L„a K: bepaald is, geplaatst worden Eensdeels en wel voornaamentlijk alsoo de grond van het oude terrijn geheel en al door de miere is geinfecteerd dat met geen gerustheijd weeder kan bebouwd worden, en ten anderen om door die schikking een aangenaam gezigt te krijgen als op de berg, het fort, de Brug en de passeebaan Terwijl het gebouw zal bestaan uijt een voor en agter galderij met Twee kaamers aan weersiple Een Saal, twee groote kaamers en twee kleijne aleoven zijnde de beij vertrekken twee Commbuijs 2. brandhout hokken een waater hok twee dispensen de noodige slaaven vertrekken putten, een Balkon op de rivier en een veesrock. Onder de hoeken en voeg muuren zullen sufficante paalen van 16: voeten ingeheijt worden en het geheele fondament met Swalpen over= „dekt, dewijl bij visitatie van het ter„ „reijn zulx noodzaakelijk geoordeelt is — Om het geheel bestek van de residentie te vertoonen zijn er diverse Compagnies gebouwen in het overgaande Plan Samarang den 12„e Februarij A„o 1785. —. geplaats, en de gebouwen die vernieuwt staan te worden rood afgezet, terwijl den Jngenieur Pilon als zeer noodzaakelijk opgeeft een vernieuwing van het Hek en om het selve teffens met gemet= „selde pijlaaren te voorsien, mitsgaders om de rivier ende gragt op nieuw te beschoeijen, werdende het een en ander buijten het gemelde hek gecalculeerd op een som„ „ma van rd=s 6089: 43. 8. dat buijten de houtwerken naar eevenredigheijd van de afteekening mij zeer Modiccq voor„ „komt en de gebouwen zeer nodig zijnde bekwaam, egter zonder onnodige pragt en uijterlijkheeden zullen geExtrueerd wor= „den, dus ik daar op gerustelijk uw Hoog Edelheedens gunstige qualificatie insteere, en teffens bij deese insluijte ^ ingediend Copia berigt van den Jngenieur Pilon dientweesen ^ tem een Calculative bereekening van dies kostende. —. Van de logie te Ioana middelerwijl almeede de noodige oculaire Jnspectie door gemelde Jngenueur genoomen zijnde, heeft denzelven daar van geformeerd het neevens gaande plan, gesterkt met het daar bij geannexeerd berigt, waar bij omstandig aan= „toond, de gebreeken, slegte aanleg, en situatie van het fort, en wel voor eerst dat het selve geen defensief vuur, heeft als door twee flanken van 9. à 10. vaet lengte, dewelke langs de zuijdelijke en Noordelijke gordijnen met een stuk streijken, dat al het ge= geplaatst: Schiut pag: 67. Samarang den 12„e Februarij A.:o 1785. — Samarang den 12„' Februarij A„o 1735. — „schut op de balterijen geplant, het fort niet defendeert dan door een offensief vuur, door welk gebrek de vijand zijn approches voor de Capitaale hoek van ieder punt doende zonder gevaar tot onder de muur koomen kan. —. Dat de voor en agter poorten welke eenigsints sterker moesten zijn, als de andere zijden; van het fort, daar en teegen het swakste zijn. —: De binnen gebouwen aan de zuid noord en oost kant op de wal muur daagende kan 'er geen hand geweer lange die zijden gebruijkt worden terwijl 'er geen Com= „municatie van de eene punt naar de andere plaats heeft door manquement van een walgang. —. Dat de logie zoo door de residentie en Particuliere wooningen bedekt is, dat men tot aan de voet van de muuren zonder eenige verhindering naderen kan onder notitie teffens bij dat berigt dat de gebreeken aan de gebouwen bestaan in de volgende te weeten- —. Dat de fortificatie muur aan de Zuijd, noord, en oostelijke zijden, waar de binnen gebouwen op die muuren draagen sterk gescheurt en ingezakt is. — de twee voorbatterije met drie beeren aan de buijten kant ondersteunt om het geschut te kunnen draagen, de muuren zoo laag dat men met behulp van een stoel in de schiet gaaten zoude kunnen koomen. — Dat de wagt en de pakhuijsen nog in een Ordentelijke staat zijn en met vernieuwing en verhooging van hun vloor nog dienen konnen, dan wanneer het geschut van de Twee naaste batterijen gelost word, dreunt de muur soo sterk dat al de pleijsteering af valt, en sulx een instorting doet vreesen dewijl de wal muur Considerabel ge= „scheurd is. Dat het Rijst pakhuijs ter eenemaal buijten staat is om gebruijkt te kunnen werden. — De verdere vertrekken bouwvallig, mitsgaders de be„ „schoeijing van de gragten ten Eenemaal vergaan. Voegende hij berigter bij dit een en ander nog dat het fondament van de wal muuren veel te swak is om de swaarte waar meede zij belaaden zijn te konnen dragen, en dat het niet doenlijk is, deselve te repareeren als met een geheele nieuwe aanbouw, waar meede geen verbeetering aan de logie gedaan zoude worden, weegens derselver slegte aanleg en de kosten van de reparatie bijna zoo hoog zoude loopen als die van een nieuwe lagie. — Dat het egter zoude kunnen geExtrueerd worden in volgender voegens. — 1„e De wal muuren in die staat waar in ze zijn te laaten, mits de scheuren verbeeterende. — 2„e De voorpoort te versterken door een uijtsteekende rave„ ins „lijn
English
Samarang, the 12th of February, Anno 1785. page: 69: Samarang, the 12th of February, Anno 1785: line mounted with six pieces. 3rd. To pull the rice warehouse inward, and build it longer and wider, since the old one is much too small. 4th. Also to pull the rooms on the north side inward, so that between those buildings and the old rampart wall, space will remain for a rampart walk 6 feet wide with a banquet along the southern and northern curtains to provide communication from one point to the other and to be able to defend that side with small arms. 5th. To renew the floor of the guardhouse and make it higher. 6th. To raise the lodge 6 to 8 inches and provide it with gutters along the buildings. These improvements described above, calculated all together, would amount to approximately the sum of 4407: 41 rixdollars, excluding the required beams as appears from the accompanying account No. 1, not counting what a new revetment around the moats would cost, which improvement, however, as not being strictly necessary, has been omitted because of those high costs. Yet notwithstanding this proposed improvement were carried out, it is and remains certain that the lodge will always remain very weak, since the layout in the cracked rampart walls cannot be improved and it is too hemmed in by private houses, so considering everything, it would be far more advantageous to build a new, well-situated lodge than all that patchwork of repair upon repair. The engineer has drawn up a plan thereof under No. 2, in which the situation of the fort and other surrounding buildings is shown, as well as the place best suited to locate a new lodge in the form as seen in Figure 2, Plan No. 2, with the necessary profiles, the ground there being endowed with the necessary firmness to be able to build upon it sufficiently. The ground where the construction of a new lodge is planned in the aforementioned design is currently inhabited in part by Javanese and European soldiers in bamboo houses, and is also occupied at the same time by the stable and the carriage house of the resident, the site of those houses being marked in green on the plan under the letters V:z., and would have to be leveled, while for the relocation of those houses one could designate the area along the canal of fresh water toward Mount Muria at Letter T as being uncultivated land; if this plan is pursued, the resident will have to forfeit his stables and carriage house, but since Your High Honors were pleased three years ago already to grant a renovation of 3000:- rixdollars to the resident for the purpose of building the necessary slave quarters and some other rooms, the following arrangement could be made in that regard. With the construction of a new fort, the old one becomes without use or benefit and ought therefore to be demolished, but as the internal buildings of the fort are located very close to the dwelling of the Resident, one could employ the same for the necessary outbuildings, such as for a stable, carriage house, warehouse, slave quarters, and otherwise, and that in the following manner, namely: To leave nothing of the works of the old fort except the rice warehouse, the sergeant's dwelling, and the side buildings across from the rice warehouse, consequently razing the points and the guardhouse, and using the rubble that will be obtained from the demolition to raise the ground of the new lodge 1 to 2 feet; furthermore, to convert the rice warehouse into a stable and carriage house, to leave the sergeant's dwelling and the remaining rooms in the condition they are in, provided that the required repairs are carried out, and to close off the rice warehouse and the northern rooms at the front and back with a fence. And since this rearrangement can be done for 600:- rixdollars, and the aforementioned buildings, once brought into a usable state, can be appraised at 1600:- rixdollars, and the stable and the carriage house of the resident in case of takeover have been set at 504:- rixdollars, the Resident would have to refund the sum of 1100:- rixdollars to the Honorable Company, to pass on again in due course to his successor, which sum could then also serve to reduce the costs for the construction of the new lodge. Regarding the costs that the construction of a new fort with all the internal buildings, drawbridges, revetment of the moats, and so forth would entail, the same would, according to the accompanying calculated account under No. 2, amount to a sum of 12156: 43: 8 rixdollars, excluding the amount of the cost of the timber that will have to be used for it; however, deducting from this the 1100:- rixdollars that would have to be paid by the resident for the buildings in the old lodge, the expenses of the new fort would amount to the sum of 11056: 43: 8 rixdollars; adding to that, however, the expenses of the repairs to the buildings of the old fort, amounting to 600:= rixdollars, the expenses will come to stand at 11656: 43: 8 rixdollars. The undersigned is humbly of the opinion that the construction of a new lodge in Joana is far to be preferred for the Honorable Company over the repairs to the old fort, because sooner or later one must fear a collapse due to the weakness of the foundations, and the old fort is moreover too encumbered and obstructed by the Resident's and other dwellings for one to be able to have the use of it that actually from the open Samarang, the 12th of February, Anno 1785. location
Dutch transcription
„Samarang den 12„e Februarij A„o 1785. — pag: 69:— Samarang den 12„e Februarij A„o 1785:— „lijn met ses stukken gemonteerd. — 3„e Het rijst pakhuijs naar binnen te trekken, langer en breeder te bouwen, alsoo het oude veel te klijn is. 4„o De vertrekken aan de noord sijde ook na binnen te trek„ „ken zoo dat tusschen die Gebouwen en de oude wal muur, plaats voor een wal-gang van 6. voet breed met een bancquet lange de zuijdelijke en noordelijke gordijn blijven zal om Communicatie van d' eene punt naar de andere te krijgen en die zijde met het handgeweer te kunnen defendeeren. —. 5: De vloer van de wagt te vernieuwen en hooger te maaken. — 1 6: De logie C: â 8: d„m op te hoogen en met gooten langes de gebouwen te voorsien: Die verbeetering hier booven beschreeven, door malkander gecalculeerde zoude Circum Circa de somma van rd„s 4407: 41: bedraagen buijten de: benoodigde balkeen blijkens de overgaande reekening N„o 1: ongereekend het geen een nieuwe be= „schoeijing rondom de gragten zoude bedraagen dog welke verbeetering als met volstrekt noodzaakelijk om die hooge kosten voorbij gegaan is. Dan niet teegenstaande deese geprojecteerde verbeekening ter uitvoer wierd gebragt soo is en blijft het seeker, de logie altoos seer swak blijven zal, overmits den aanleg in de gescheurde wal muuren niet verbee„ „verd kunnen worden en dat zij te veel door particuliere huijven bezot is, dus alles geconsidereert het vel voordeeliger zoude zijn een nieuwe wel gesitueerde logie te bouwen, als al dat lapwerk van reparatie op reparatie. Den Jngenieur heeft daar van een plan onder N=o 2: Geformeert, waar bij de situatie van het fort en andere onleijgende gebouwen aangetoond word en ds plaats welke het best geschikt is om een nieuwe logie te plaatsen in forma als bij feg:a 2. plan n„o 2. met de noodige profullen te zien is, zijnde de grond aldaar voorsien meet de nodige vastigheijd om 'er sufficant op te kunnen bouwen. — De grond waar de bouwing eener nieuwe logie bij het voorsz: plan geprojecteerd is, word thans gedeeltelijk door Javaanse en Europeese soldaaten in bamboese huijsen bewoond, en is ook teffens met de stal en het wagenhuijs van de resident bebouwd, het bestek van die huijsen in het plan met groen afgeteekent onder de letters V:z. en zoude geapplo„ „neert maeken worden, terwijl men tot verplaatsing van die huijsen het bestek langs de doorgraaving van sook water na de berg Moriae bij Le t zoude kunnen bepaalen als sijnde een onbebouw land, zullende bij opvolging van dit project de resident sijne stallen en wagenhuijs, moeten missen, maar vermits uw hoog Edelheedens over drie Jaaren bereeds een vertimmering van rd„s 3000: -. aan de resident hebben gelieven toetestaan ten zijnde nodige slaaven gebouwen en eenige ander vertrekken op te Timmeren zoo zoude daar omtrent de volgende schikking kunnen worden gemaakt. - Bij den aanbouw van een Nieuw fort. word het oude „berd. Joudia T Samarang den 12„e Februarij A„o 1785. — pag: 11 zonder nit of voordeel en zoude dierhalven afgebroo= „ken dienen te worden, maar de binnen gebouwen van het fort zeer digt: bij de wooning van den Resident ge„ „leegen zijnde, zoude men deselve tot de noodige bijgebouw zoo tot stal wagenhuijs pakhuijs slaaven vertrekpen, als ander„ „zints kunnen Emploijeeren en sulx in volgende maniere te weeten. — van de werken van het oude fort niets te laaten blijven als het rijsb: pakhuijs, de sergeants wooning ende zijde gebouwen aan de overkant van het rijst: pakhuijs, ge„ „volgelijk de punten en de wagt raseeren en de puijnen die men bij afbraak krijgen zal te gebruijken om de grond van de nieuwe logie 1: â 2. voet op te hoogen voorts het Rijst pakhuijs tot een stal en worgenhuis. vermaaken, de Sergeants wooning en de overige ver„ „trekken in die staat laaten zoo als ze zijn mits de verEijschte reparatie doende mitsgaders het Rijst pakhuijs en de noordelijke vertrekken voor en agter met een Hekwark te Sluijten. — En aangezien deese verschikking voor rd„s 600: gedaan kan worden en dat de voorschreeven gebouwen in staat van gebruijk gebragt zijnde op rd„s 1600: kunnen getax= J „eerd worden mitsgaders de stal en het waagenhuijs van den resident in Cas van Overneem voor rd„s 504: bepaald zijn; soo zoude den Resident de: Somma van rd„s 1100: - aan d' E Comp=e moeten resitueren om soodanige weeder aan zijne vervanger in der tijd over te gaan, en welke Somma dan almeede in mindering der kosten tot de opbouw van de nieuwe logie zoude kunnen dienen: Wat betreft de kosten die den opbouw van een nieuw fort met alle de binnen gebouwen valbruggen, beschoeijing, der grag¬ „ten en wat dies meer is, deselve soude volgens de hier bij over„ „gaande Calculative roekening onder N„o 2: bedraagen een Somma van rd„s 12156: 43: l8b: buijten het. bedraagen van het kostende der houtwerken die daar toe sullen moe„ „ten worden gebruijkt dog hier van afgetrokken zijnde de rd„s 10— die voor de gebouwen in de oude logie door den resident zoude moeten betaald worden, zzoo zoude de onkosten van het nieuw fort bedraagen de somma van rd:s 1056: 43: 8:—. dog daar bij vol„ „gende de onkosten van reparatie aan de gebouwen van het oude fort; ten bedraagen van rd=s 600: = zullen de onkosten koo„ „man te staan op rd„s 11656: 43: 8:—: Den ondergeteekende is needrig van gevoelen dat de Extructie van een Nieuwe logie te Joana voor d' Ed: Comp„e verre- te pre„ „fereeren zal zijn boven de reparatien aan het oude fort, wijl men dog den eene of den andere tijd door swakheijd der fondamenten een instorting te duijten heeft: en het oude fort boven des te zeer door de Residents en andere wooningen bezet en belemmert is, dan dat men 'er het gebruijkt van zoude kunnen hebben, dat eijgentlijk door de vrije Samarang: den 12„e Februarij A„o 1785: van legging J
English
Samarang the 12th of February Anno 1785. Samarang the 12th of February Anno 1785: page 73. — establishment of a fortress is intended and must be brought about, and on that account the repair would either be unnecessary or useless, or, due to the poor condition of the fort, soon be followed by another repair and thus entail expense upon expense, whereas the projected new lodge, freely constructed in the most favorable location, will be as useful as it is advantageous, I therefore insist on the one and the other upon Your High Noblenesses' honored disposition, with the respectful notice also that with regard to the buildings at Japara, in the hope of Your High Noblenesses' favorable approval, I have already issued the necessary orders for the felling of the timber required for that purpose, with the intention of having the construction proceed as soon as possible. —. The four galleys Den Arend, De Valk, De Raaf and Een Exter having already long since been dispatched from here under the command of skipper Daniel van Wanningen, I was under the impression that those small keels had also already departed from Rembang, which residency they had to touch en passant in order that each be provided with a yawl, but now a few days ago I received report from there that the galley De Valk, commanded by the mate Jacob Wieland, after having previously ridden hard before her anchors for several days between the islands of Japara, had arrived off Bandjar in a very disabled condition, and as skipper van Wanningen, in consultation with the mates of the remaining three galleys, raised objection to waiting for the repairs, which, on account of the dangerous anchorage where De Valk found herself off Bandjar, would take rather a long time and thus they ran the risk of missing the voyage to Ternate, had decided, while leaving behind the galley De Valk, to continue the voyage to that Government along with the other three galleys, so I have in the meantime dispatched the necessary orders to Rembang to transport De Valk, whose master lies dangerously ill and besides that, according to the report of the said skipper van Wanningen, is very inexperienced and does not possess the necessary abilities for the sea service, to a less dangerous place in order to repair the same of her sustained defects and subsequently retain her here on the Coast, to serve for the protection of these shores against the pirates and for the defense of the private traders. While I shall hold the mate Wieland, upon his recovery and appearance here, accountable for his inept conduct, provided it does not imply unwillingness, the more so because he claims to have been unable to make the roadstead of Rembang with a north-west wind, whereas that very same wind should have, as it were, driven him thither, and reaching Bandjar was attended with much greater difficulty. — Furthermore, I find myself obliged to bring to Your High Noblenesses' honored knowledge that on the 2nd of this month, near Calioentoe east of Rembang, there arrived a Chinese junk, coming from Canton and intending to go to Mampauwa, requesting rice and water in order to continue her voyage to Grissee; however, the resident at Rembang immediately had him notified to depart from there without delay, while also in that vicinity the necessary orders have been given to guard most strictly against any disembarkation or bringing ashore of any goods or Chinese new arrivals. I have not yet received word whether the same has departed from there, but it being his intention to set his course for Grissee, I have written to the Governor of the Eastern Salient to also take the necessary measures in that regard, until such time as that vessel can continue the voyage to Mampauwa, or until Your High Noblenesses might be pleased to give any other orders in that regard, remaining meanwhile with true high esteem and respect, /underneath stood/ Title /lower/ Your High Noblenesses' very obedient and humble servant, /was signed/ J. Siberg /in the margin/ Samarang the 12th of February Anno 1785.
Dutch transcription
Samarang den 12„e Februarij a:o 1735. Samarang den 12„e Februarij A„o 1725: pag:o 73. — „legging van een sterkte bedoelt en te weege gebragt moet worden, en uijt dien hoofde zoude of de reparatie onnoodig of nutteloos of door de slegte gesteldheijd van het fort eerlange door andere reparatie gevolgt worden en dus ^ op : kosten kosten naar sig sleeppen, daar de geprojecteerde nieuwe logie op de best geleegentste plaats vrij bebouwd, zoo nuttig als voordeelig zal zijn, ik insteere dierhalven op 't eenen ander uw hoog Edelheedens g'Earde dispositie, onder Eerbiedige Notitie teffens dat ik ten opsigte van de gebouwen te Ia= „para in hoope van uw hoog Edelheedens gunstige approbatie bereeds de noodige ordre tot den Aankap der daartoe ver„ „Eijschte Houtwerken gesteld heb, ten zijnde den opbouw soo spoedig doenlijk te laaten gevolg neemen. —. De vier galeijen Den Arend, de valk De Raaf en Een Exter onder 't Commando van den schipper Daniel van wanningen reeds lange van hier gedepoheerd zijnde, ver„ „seerde ik in de gedagten dat die kieltjes ook bereeds. van Rombang vertrokken waaren, welke residentie zij enpassant moesten aandoen om ieder van een Jol te werden voorsien, dan nu eenige daagen geleeden erlangde ik van daar narigt dat de galeij de valk gevoerd wor„ „dende door den Stuurman Jacob Wieland naar alvoorens eenige daagen tussen de Eijlanden van Japara Sterk voor sijn Ankers gereeden te hebben op de hoogte van Bandjar in een zeer raaveloose staat was aangekoomen en dewijl schipper van Wanningen met overleg der stuurlieden van de Overige drie galeijen die swaarigheijd maakte om na de reparatie te wagten, waar meede het hier om de wille van de gevaarlijke Anker= „plaats, daar de valk zig voor Bandjaa„ bevond wat lang zoude aanloopen en dus gevaar liepen van de rheijse naar Ternaten verstooken te werden beslooten had om met agterlaating van de galeij De valk, neevens de andere drie galeijen de reijse naar dat Gouvernement te vervolgen, soo hebbe ik intusschen de nodige Ordres naar Rambang afgezonden om De valk waar van de voerder zeer gevaarlijk ziek legt en buijten dien volgens Rapport van gemelde schipper van wanningen seer onErvaeren en voor den zee dienst de noodige bekwaamheeden niet besit op een minder dangereu De plaatse transporteeren ten eijnde deselve van zijne bekoomend gebreeken te reparee= „ren en vervolgens hier ter Custe aangehouden en ter beveijliging van Sa„ „das stranden teegen de zeeroovers en te be„ „scherming van de particuliere handelaars was te s Samarang den 12„e Februarij A„o 1785— Samarang den 13„e Februarij A.o 1785. pag: 13:5 te dieren Terwijl ik den Stuurman Willand, bij zijn herstelling en verscheijning hier verantwoordelijk zal stellen over zijne onbedreevene handelwijse zoo het geene onwilligheijd includeert, te meer daar hij voor geeft met een n=d weste wind de Rheede van Rembang niet te hebben kunnen bezeijlen, daar eer„ „ven die zelfde wind hem als het waare daar na toe moest doen drijven in Bandjar met veel meerder moeite te bereijken was. — Voorts vende ik mij verpligt uw hoog Edelhee= „dens ter g'Eerde kennisse te brengen, dat op den 2: deeser bij Calioentoe beoosten Rimbang aange= „koomen is een Chineese Ionk:, koomende van Canton ende wil hebbende naar Manipauwa, doende versoek om rijst en waater ten eijnde zijne rheijse naar quissee voort te zetten, dog den resident te Rembang heeft hem direct laaten aanzeggen om sonder verswijm van haar te vertrekken Terwijl ook Teffens daaromstreeks de noodige ordres gesteld zijn om teegen alle ont= „scheeping of aan de wal brengen van eenige goederen of Chineese Nieuwelingen ten sterkste te waeken ik heb nog geen narigt of deselve van daar vertrokken is, maar Gein„ „ventioneerd zijnde zijn Cours naar grissee te stellen, heb ik den gpraghebber van den oosthoek aangeschreeven daar omtrend al meede de noodige maatregulen te neemen, tot tijd en wijle dat vaar„ „tuijg de rheijs naar Mampauwa kan voortzetten. of tot dat uw Hoog Edelheeden dien aangaande Eenige andere ordres soude moogen gelieven te geeven, blijvende ik intussen met waare hoog agting en eerbied /:onderstond:/ Titul:/ lager:/ uwer Hoog Edelheedens zeer gehoorz: en onderdanige Dienaar /:was geteekent:/ J=s Siberg /: in margine:/ Sa„ „marang den 12: Februarij A„o 1785:—. aan„ overte. J:
English
Samarang the 12th of February A:o 1785 Samarang the 13th of February A:o 1735. page 77: hall, two large rooms, a Copy To the Right Honourable, Right Worshipful Sir! Johannes Siberg, Extraordinary Councillor of Dutch India, as well as Governor and Director on and along Java's North-East Coast; Right Honourable, Right Worshipful Sir. The humble undersigned, having proceeded to the Residency of Japara in order to inspect, according to Your Right Honourable, Right Worshipful Sir's orders, the condition of the resident's house, and at the same time to formulate a plan for a new dwelling, has the honour to report to Your Right Honourable, Right Worshipful Sir that the Resident's dwelling is completely dilapidated, as well from age as from the damage caused by the numerous white ants, being besides built very cramped and dark, whereby the Residents have been compelled to have two separate rooms [illegible] and 1 built onto it, which are still in good condition and can remain standing to save costs. Since it would not be advisable to build the new one on the very place where the old house stands, on account of the white ants, and considering that the situation of the old house is confined to a short boundary, and also to arrange the building letter 1 with the new house, the humble draughtsman has judged it best to determine the new resident's dwelling at the place marked K, by which arrangement this new building obtains a pleasant view of the fort, the mountain, the bridge, the passebaan, and the stable of the residency. This building shall consist of a front and back gallery, with two rooms and two small alcoves for buffets, on both sides a The outbuildings are 2 kitchens, 2 firewood sheds, a water shed, two pantries, 7 slave quarters, two latrines, a balcony on the river, and an outhouse, which buildings are indicated on the annexed plan here. Under the corners and joining walls of the house, sufficient piles of 16 feet will be driven, and the whole foundation covered with sleepers, since upon inspection of the terrain I found that it was not solid enough to build upon without this precaution. On the said plan the undersigned has placed the various Company's Buildings, in order to show to Your Right Honourable, Right Worshipful Sir the entire perimeter of the Residency, and at the same time to report that it is exceedingly necessary to revet the rivers and the moat anew, and to provide the entire perimeter with a new gate with masonry pillars in place of the old wooden gate, which is completely devoured by the white ants. Since this new gate and revetment are necessary to enclose the Company's Warehouses and other Buildings, and in order not to let the costs of a new resident's dwelling run too high, the undersigned has the honour to propose to Your Right Honourable, Right Worshipful Sir to charge the Regents with this gate, who can gradually make that enclosure with a sufficient brick pagger or with masonry pillars, as well as the revetment of the moat, which is within their competence, which will be made without costs by the Regents if one uses for that purpose the woodwork from the old resident's dwelling, provided that the necessary nails are supplied. The rubble from the demolished house will serve to raise the ground and to fill in the old moats; of the other materials one will be able to use little or nothing, because
Dutch transcription
Samarang den 12„e Februarij A„o 1785 Samarang den 13„e Februarij A„o 1735. — pag: 77: Saale, twee Groote kamers, e Copia Aan den WelEdele Gestrenge Achtbaaren Heer! Johannes Siberg, Raad Extra ordinair van Neederlands India, mitsgaders Gouverneur en Directeur op en langs Iavas noord oost Cust; Wel Edele Gestrengen Achtbaaren Heer. De Nedrige ondergeteekende sig na de Residontie van Japara vervoegt hebbende, om na uw Edele gestrenge Achtbaarens orders, de toestand van de residents huijs op te neemen, en teffens Een plan van een nieuwe wooning te formeeren, zoo heeft hij d' Eer uwel Ed: gestr: Achtb: te berigten, dat de Residents wooning ten Eenemaal bouwvallig is, soo wel van ouderdom als door de schade die de veelvuldige witte mieren aangedaan hebben, sijnde buijten dat seer bekrom= „pen en duijster bebouwt geweest, waar door de Residenten genoodsaakt geweest zijn, twee aparte vertrekken Z„a G: en 1 bij te laaten bouwen, dewelke nog in goede stand sijn en kunnen om de kosten te spaaren blijven staan. dewijl niet raadsaam zoude sijn op deselfs de plaats waar het oude huijs staat, de nieuwe te bouwen, weegens de witte mieren, en aangesien de Tituatie van het oude huijs aan een kort bestek bepaalt is, teffens om het gebouw lettera 1: met het nieuwe huijs te schikken, heeft de needrige teekenaar geoordeelt het best te sijn, de nieuwe resi= „dents wooning ter plaatsen gemerkt K: te bepaalen, door welke schikking, dit nieuwe gebouw Eene aange „naame gesigt krijgt op het fort, de berg de brug de passeebaan en de stal van de residentie, dit gebouw sal bestaan uijt Eene voor en agter galderij met twee kaamers en twee klijne alkoven voor bouffeleni, s aan weerszeijde eene de bij vertrekken zijn 2: kombuijsen, 2. brandhouthokken Een waeter hok, twee Dispensen, 7. slaaven Vortrekken, twee pullen Een balkon op de Riviere en Een verhoek, welke gebou„ „wen op de hier annexe plan aangeweesen Sijn. — Onder de hoeken en voeg muuren van het huijs sullen Sufficante paalen van 16: voeten ingeheijt worden en het heel fondament met Swalpen overdeket dewijl bij visitatie van het terrein bevonden heb, dat het niet te bestig was, om sonder dit voorsorg op te bouwen. —. Jngemelde plan heeft de ondergeteekende de diverse Comp„s Gebouwen geplaats, om uw Ed: Gestr: Agtb: het heel bestek van de Residentie te vertoonen, en teffens te berigten dat het ten uijterste noodzaakelijk isse Rivieren de gragt op nieuw te beschoeijen, en het heel bestek met een nieuwe hek met gemetselde pielaaren te versien in plaatse van het oude houte hek, dewelke ten Eenemaal door de witte rnieren opgevreeten is. Terwijl dit nieuwe hek en beschoeijing noodzaakelijk Sijn, om de Compagnies Pakhuijsen en andere Gebouwen in te Sluijten, en om de kosten van Een nieuwe residents wooning niet te hoog te laaten loo„ „pen, zoo heeft de ondergeteekende de Eere uw Ed: Gestr: Agtb: voor te slaan om dit hek aan de Regenten op te draagen dewelke langsramerhand die insluijting met Eene Sufficante steene pagger of met gemetselde verclaaren kunnen maaken, gelijk de beschoeijing van de gaagt dat van hun Competentie is dewelke sonder onkosten door de Regenten gemaakt zal worden, als men daar toe het houtwerk van de oude residents wooning gebruijkt, mits= „de noodige spijkers verstrekkende, de puijnen van het afgebrooken huijs sullen dienen om de grond op te hoogen ende oude gragten te dempen; van de andere materiaalen sal men weijnig of niets kunnen gebruijken met. dewijl
English
Samarang the 12th of February Year 1785: E Samarang the 12th of February Year 1785: page: 79. since the house is covered with siraps, which are old and unusable; of all the windows there are only some with glass panes, of which 180 pieces can be used, which has been taken into account in the annexed estimated calculation, from which it appears that the construction of the new resident's house with all the outbuildings will amount to the sum of 6089:43. 8. rixdollars, excluding the necessary beams, the price of which cannot be determined by the undersigned. Hoping herewith to have complied with your Right Honorable orders and intention, I take the liberty with all high esteem and respect to subscribe myself, below, title, lower, your Right Honorable very humble and obedient servant, was signed, J. B. Pilon. In the margin: Samarang the 2nd of February Year 1785: Estimated Calculation of the expenses for the construction of a new resident's dwelling at Japara with the necessary outbuildings, everything according to the annexed plan, to wit: 42. laxa masonry bricks at 25: rixdollars, rixdollars 1050:—:— 210. koyangs of lime at 4. rixdollars, 840. — — 12. masons for 114. days at 15. stivers a day, 427. 24. —. 10. carpenters for 200 days at 15 stivers ditto, 625: —. —. 3000: floor tiles of 16: inches, 360. – – 7000: ditto of 12. inches, 175: —: — 24000: roof tiles, 360. —. —. 350. molen planks of ½. inch, 385. –. –. 40. ditto ditto of 2. inches, 55. –. –. 200: ditto ditto of 1. inch, 165. —. —. 500: tonie planks, 50: —. —. 600. roof ribs of 2. and 3. inches, 330. –. – 100: ditto of 3. and 4. inches, 68. 36. —. 1000: tile battens, 137. 24. -. 62½. pounds of sheet copper, 21: 26:—: 125: pounds of ditto iron, 10. —. —. 18. piculs of bar iron, 124: 26:— 19. piculs of assorted nails, of which 4. piculs are for the revetment, 165: 12. -. 10: pieces of pig lead, 59. 4. —. 16: pounds of Prussian blue 100: jugs of linseed oil, 68. 4. -. 500: pounds of white lead, 39. 25: —. 30. pounds of verdigris, 32. 41. —. Carried forward, rixdollars 5596: 33. 8. Note of materials which the undersigned most humbly requests to be requisitioned from Batavia: 30,000. roof tiles 3000. floor tiles of 16: inches 12000. ditto ditto of 12. inches 600. pounds of white lead 50. pounds of verdigris 25. pounds of Prussian blue 3. half aams of linseed oil; was signed, J. B. Pilon. Brought forward, rixdollars 5596:53: 8. 820: glass panes of 9. and 11. inches at 15 stivers a piece, 256: 12. —. 2. foot scrapers, 40. 14. –. Smith's wages, 180. –. –. 100: bundles of binding rattan, 16: 32.: —: Total, rixdollars 6089: 43. 8. Batoors during the work for free. Sand for free. Further timber required: 180. beams, length 20. feet, thickness 9. to 10. inches 125. ditto, length 16: to 17. feet, thickness 10. inches 50. ditto, length 28. feet, thickness 9. inches 80: ditto, length 32 to 34. feet, thickness 7. to 8. inches 85. ditto gloirdongs. 150. panjang limas 100. beams ditto, length 20. feet, thickness 7. inches 100. swalpen, length 25. feet, thickness 4: inches 200. Tinkanise planks of 2½. inches was signed, J. B. Pilon. 8 turn over: 47. 3. 8.
Dutch transcription
Samarang den 12„e Februarij A„o 1785: E Samarang den 12„e Februarij A:o 1785:— pag: 79. dewijl het huijs met Cieroppen gedeket is dewelke oud en onbruijkbaar sijn; van alle de vensteres sijn maar E: met glaassen Ruijten waar van 180 p„s gebruijkt kunnen worden, het welk in de annexe Calcula„ „tif reekening in agt genoomen is, waar uijt blijkt dat de aanbouw van het nieuwe residents huijs met alle de bijgebouwen de Somma van rd„s 6089:43. 8. bedraagen sal buijten de noodige balken, waar van de prijs door de ondergeteekende niet bepaald kan worden. Hier meede verhoopende aan uw Ed: gestr: Agtb: ordres en Jntentie voldaan te hebben neeme de vrijheijd mij met alle hoog agting en Eerbied te noeme /:ond:/ Tihul: / lager:/ uw Ed: gestr: Agtb: seer onderdanige en gehoorz: Dienaar /:wasg:/ J:m B: Pilon /:in margine :/ Samarang den 2: Februarij A„o 1785:— Calculatif Reekening van de onkosten tot de opbouw van Eene nieuwe Residente wooning te Iapara met de noodige bij vertrekken, alles na de hier annexe plan te weeten. — 42. laxa metzelsteenen â 25: rd=s. . . . Rd„s 1050:—:— 210. Coijangs Calc â 4. rd. s - - - - - - - „ 840. — — 12. metzelaars 114. dagen â 15. Stver„s Sdaags - - - - „ 427. 24. —. 10. Timmerlieden 200 „ „ 15: „ _:o - - „ 625: —. —. 3000: Vloersteenen van 16: d„m - - - - - - - - - - „ 360. – – 7000: _„o „ 12. „ - - - - - - - - - - „ 175: —: — 24000: dakpannen - - - - - - - - - - - - - „ 360. —. —. 350. moole planken van ½. d„m - - - - - - - - „ 385. –. –. 40. _:o _:o „ 2. „. - - - - - „ 55. –. –. 200: _: _„ „ 1. „ - - - - - - - „ 165. —. —. 500: Tonie planken - - - - - - - - - „ 50: —. —. 600. dakaibben van 2. en 3. d„m - - - - - - - „ 330. –. – 100: _„o „ 3. „ 4. „ - - - - - - „ 68. 36. —. 1000: Pann latten - - - - - - - - - - - „ 137. 24. -. 62½. lb: Plaat koper - - - - - - - - - - - „ 21: 26:—: 125: „ d„o ijzer - - - - - - - - - - - - - „ 10. —. —. 18. pic„s ijzer in Staaven - - - - - - „ 124: 26:— 19. „ Spijkers in zoort waar van 4. pic„s voor de beschoeijing „. 165: 12. -. 10: p„s loot in Schuijten - - - - - - - - - - „ 59. 4. —. 16: „ berlijns blauw 100: kannen lijn Olij - - - - - - - - - - „ 68. 4. -. 500: lb: wit lood - - - - - - - - - - - - „ 39. 25: —. 30. „ Spaans Groen - - - - - - - - - „ 32. 41. —. Transporteere. . . - - rd„s 5596: 33. 8. Notitie van Matteriaalen dewelke de ondergeteekende seer ootmoedigt versoekt van Batavia g'Eijscht te worden. —. 30'000. Dak pannen 3000. vloer:s steenen van 16: d„m 12000. _:o _:o „ 12. „ 600. lb: witt lood 50. - „ Spaans Groen 25. „ Berlijns blauw 3. halv aamen zijn Olij; /:was geteekent:/ I: BB: Pilon. — P„r Transport. . . . . - rd„s 5596:53: 8. „820: Glaase Ruijten van 9. en 11. d„m â 15 stver„s t pees. . . „ 256: 12. —. 2. voeten. Heer - - - - - - - - - - - „ 40. 14. –. „ 180. –. –. Smitsloon 100: bossen bindst Rottings. . . . . . . . „ 16: 32.: —: Somma - - rd„s 6089: 43. 8. Battoors geduurende het werk voor niets. Sand voor mits. Verder aan: Houtwerk benoodigt. 180. Balken l=o 20. vl: dik 9. â 10. d„m 125. _„o „ 16: - 17. „ „ 10. d„m 50. _„o „ 28. „ „ 9. „ 80: _:o „ 32„ 34. „ „ 7. „ 8. „ 85. _: Gloirdongs. 150. panjang Limas 100. balken d=o 20. r=t dik 7. d„m 100. Swalpen „ 25. „ „ 4: „ 200. Tinkanise planken van 2½. d„m /:was geteekent:/ J: B:: Pilon. — . . . . . . . . - 8 verte: . - - - - - - - - - - - - „ 47. 3. 8. -
English
Samarang the 12th of February Anno 1785. Samarang the 12th of February Anno 1785. page 81. Copy To the Right Honorable, Highly Esteemed, and Venerable Sir Johannes Siberg, Extraordinary Councilor of the Dutch Indies, as well as Governor and Direc- tor on and along Java's North- East Coast. Right Honorable, Highly Esteemed, and Venerable Sir In compliance with Your Right Honorable, Highly Esteemed, and Venerable's orders, the under- signed has proceeded to the residency of Joana in order to inspect the lodge there, and to draw up a plan of the required repairs, whereupon I have the honor to report the following to Your Right Honorable, Highly Esteemed, and Venerable. In order to provide a clear demonstration of the defects and poor layout in the situation of this lodge, the undersigned has drawn up an accurate plan, annexed hereto under No. 1, from which Your Right Honorable, Highly Esteemed, and Venerable can see that it has no other defensive fire except through two flanking angles of 9 to 10 rods in length, which sweep along the southern and northern curtains with one piece of ordnance; all the other artillery mounted on the batteries defends the fort only by direct or offensive fire, due to which defect the enemy, making his approaches before the salient angle of each bastion, can come under the wall without danger. The front and rear gates, which ought to have been somewhat stronger than the other sides of the fort, are on the contrary the weakest. The internal buildings on the south, north, and east sides rest upon the rampart wall, whereby no small arms along those sides can be used, and there is no communication from one bastion to the other due to the lack of a banquette or rampart walk. This lodge is so covered by the residency and private dwell- ings that one can freely approach right up to the foot of its walls. In order to show this clearly to Your Right Honorable, Highly Esteemed, and Venerable, I take the liberty of referring Your Right Honorable, Highly Esteemed, and Venerable to the plan annexed hereto under No. 2. The defects in the buildings are the following: The fortification wall on the south, north, and east sides, where the internal buildings rest upon those walls, is heavily cracked and subsided, as are the two front batteries, espe- cially the northern one, which recently had to be underpinned with 3 buttresses on the outside in order to be able to carry the artillery; the walls are far too low, even to the extent that with the help of a chair one could easily jump into the embrasures. The guardhouse and opposing warehouses are still in a decent state and can still serve with the renewal and raising of their floors; however, when the artillery of the two nearest batteries is fired, the wall vibrates so strongly that all the plaster falls off, giving cause to fear a collapse, since the rampart wall is considerably cracked. The rice warehouse is utterly unusable, not only having the inner and outer walls bowed out and cracked, but the tie rods and beams are fractured, so that upon my arrival, the resident, fearing its collapse, on my advice had all the stored rice transferred and had to shore up the wall with vertical and inclined beams to prevent great damage that an unexpected accident could cause during the bad monsoon; the floor of this warehouse is fully 1½ rods too low, the resident of in 6
Dutch transcription
Samarang den 12„e Februarij A„o 1785. Samarang den 12„e Februarij A„o 1785. pag: 81. —. Copiea Aan den WelEdele Gestrenge Aghtbaaren Heer Johannes Siberg, Raad Extra Ordinair van: Neederlands Indie, mitsgaders governeur en Direc„ „teur op en langs Iavas: Noord Oost Cust. — WelEdele Gestrenge Agtbaaren Heer Jn voldoening van uw Ed: Gestr: Agtb„s ordres heeft de onder„ „geteekende zig na de residentie Ioana vervoegt, om aldaar de logie te Jnspecteeren, en Pene plan van de benoodigde reparatie te formeeren, waar op de Eere heeft uw Ed: gestr: Agtb: het volgende te berigten. —. Om Eene Duijdelijke aantooning van de gebreeken en slegt aanleg insituatie van dese logie te kunnen doen, heeft de Ondergeteekende Den accurate plan, hier annex onder N„o 1. gefor„ „meert uit 't welk uw Ed: gestr: Agtb: zien kan, dat deselve anders geen diffensieff vuur heeft, als door twee planken van 9. â 10. r„t langte, dewelke langs de zuijdelijke en wordelijke gordijn met een stuk streeken; al het ander geschut op de batterijen geplant; deffendeert het fort niet als door een direct of offensieff vuur, door welke gebrek de vijand zijn Approches voor de Capitaal hoek van ieder punt doende sonder gevaar tot onder de muur koomen kan. —. de vooren agter poorten, dewelke eenigsints sterker moest zijn, als d'andere zijden van het fort, zijn inteegende— Swakte. —. De binnen gebouwen aan de Zuijd, noord en oost kant, draagen op de wal omuum, waar door geen handgeweer langs die zijde gebruijkt kan worden, en geen Communicatie van Eene punt aan de andere plaatse heeft, door manque„ „ment aan een walgang. —. Deese Logie is zoo door de Residentie en particuliere Woo= „ningen bedekt, dat men tot aan de voet, van Sijne muuren vrij koomen kan. —. Om uw Ed: Gestr: Achtb: dit duijdelijk te toonen, neeme de vrijheijd uw Ed: Gestr: Achtb: tot de plan hier annexe onder n„o 2. te Renvoijeeren. -. de gebreeken aan de Gebouwen sijn de volgende: De fortificatie muur is aan zuijd, noord, en oostelijke zijden, waar de binne gebouwen op die muuren draagen sterk gescheurt en ingesakt, gelijk de Twee voorbatterijen, Voornaa„ „mentlijk de noordelijke, dewelke seedert kort, met 3. beeren aan de buijten kant onder Meunt heeft moeten worden, om het geschut te kunnen draagen, de muuren sijn veels te laag, selfs dat met behulp van een stoel gemakkelijk in de schiet gaaten soude kunnen Springen. —. De wagt en overstaande pakhuissen zijn, nog in een ordentelijke staat en kunnen met verniemding en verhooging van hun vloer nog dienen, dog wanneer het geschut van de twee naaste batterijen gelast word dieunt de muur soo sterk dat al de pleijstering afvalt, en doet voor een in storting vaeese, dewijl de wal muur Considerabel gescheurt is. —. De Rijst pakhuijs is ten Eenemaal buijten Staat gebruijkt te kunnen worden; zijnde niet alleen de binnen en buijten nuuw uijtgeweeken en gescheurt maar de ankers en balke„ gesprongen, zoo dat bij mijn aankomst, de resident voor instorting van het selve vreesende, op mijn aanraading al de Rijst dat ingeborgen was, liet overbrengen en de muur met staande en schuijnDe balken moest onder schroa„ „gen om groote Schaade die een onverwagt ongeluk in de quaade mousson konde oorsaaken, door te koomen; de vloer van dit pakhuijs is wel 1½. r„d te laag zijnde de resident van in 6
English
Samarang the 12th February A.D. 1785. Samarang the 12th February A.D. 1787. page 83. compelled in the rainy season to raise it with beams. The opposite rooms are somewhat dilapidated, yet without cracks except on the outer rampart wall on which they rest. The Sergeant's dwelling is merely a plank house which in that state can still serve. The revetment of the moats is entirely rotted away, because of which they are full of mud and very unsightly. Upon this representation, the humble undersigned will take the liberty to report his opinion to your Right Honourable and Venerable Worships, subject to correction. It appears that the foundations of the cracked rampart walls are far too weak to bear the weight with which they are laden, and that it is not feasible to repair them except by an entirely new structure, with which no improvement to the lodge would be achieved, on account of its poor layout, and the cost of repairs would run almost as high as that of a new Lodge. However, since the Resolution of Their High Excellencies is limited solely to the repair, the humble undersigned has the honour to present a plan thereof under Figure 2, Plan No. 1 to your Right Honourable and Venerable Worships, the execution of which consists of the following. 1st. To leave the rampart walls in the state in which they are, provided some assistance and improvement is made to their cracks. 2nd. To strengthen the front gate with a projecting ravelin, mounted with 6 pieces. 3rd. To shift the rice warehouse inward, and build it longer and wider, since the old one is far too small to store the contingent rice. 4th. To also shift the rooms on the north side inward, so that between those buildings and the old rampart wall, space will remain for a rampart walk of 6 rixdollars wide with a banquet along the southern and northern curtains, in order to gain communication from one point to the other, and to be able to defend that side with small arms. 5th. To renew the floor of the guardhouse and make it higher. 6th. To raise the lodge 6 to 8 inches and to provide gutters along the buildings. 7th. In the construction, to follow the profiles drawn on Plan No. 1 under Figure 3. These improvements, calculated altogether, would amount to approximately the sum of 4407 rixdollars 41, besides the required beams, as appears from the annexed calculated account No. 1, not counting what a new revetment around the moats would cost, which improvement, not being absolutely necessary, was bypassed on account of the high costs. The undersigned, however, considers it his duty respectfully to submit for the consideration of your Right Honourable and Venerable Worships that, notwithstanding the execution of these projected or other wiser improvements, the lodge will always remain very weak, since the layout and the cracked rampart walls cannot be improved, and that it is much obscured by private houses; thus, all things considered, the undersigned takes the liberty to bring to the attention of your Right Honourable and Venerable Worships that it would be far more advantageous to build a new, well-situated lodge than all that patchwork of repairs, to which end he has formed a Plan No. 2, in which the situation of the fort and other surrounding buildings is shown, and the place best suited to build a new lodge in the form demonstrated by Figure 2, Plan No. 2 with the necessary profiles; in which place the undersigned has posts 10 inches thick to provide. wall has 5
Dutch transcription
Samarang den 12. Februarij A„o 1785: —. Samarang den 12„e Februarij A„o 1787:— pag: 83. in de Reegentijd genoodzaakt het zelve met balken te verhoogen. — De overstaande vertrekken sijn wat bouwvallig, dog sonder scheuren als aan de buijten wals=muur, Waar op sij draagen. — De Zergeants wooning is maar den planke huijs dewelke in die Mtaat nog dienen kan. —. De beschoeijing van de gragten, is ten Eonemaal vergaan, waar door desclve vol modder sijn en Deer onaansienelijk. -- Op dit vertoog sal de needrige Ondergeteekende de vrijheijd neemen uw Edele Gestrenge Achtb: onder submissie van Correc„ „tie, zijn gevoelen te melden. — Het blijkt dat de fondament van de gescheurde Wal=nuuwen veel te Swak sijn, om de swaarte waar mee sij belaaden sijn, te kunnen draagen, en dat het niet doenlijk is de„ „selve te Repareeren als met een heele nieuwe aanbouw, waar meede geen verbeetering aan de logie gedaan soude worden, weegens de slegte aanleg van dezelve, ende koste„ van Reparatien, bijna zoo hoog zoude loopen, als die van een nieuwe Logie - —. Maar Dewijl de Resolutie van Haar Hoog Edelheedens alleenig tot de Reparatie bepaalt is, heeft de needrige ondergeteekende de Eere uw Ed: Gestr: Agtb: Een plan daar van /:onder figuur 2. plan n„o 1:/ aan te bieden, welkers uitvoering in het volgende bestaat. — 1„o De wal muuren in de Stat waar Sij sijn te laaten mits Eenige hulp en verbeetering aan haar scheure doende. — 2„e De voorpoort te versterken door Eene uitsteekende Ravelijn, met 6: stukken gemonteerd. — 3„o De Rijst pakhuijs na binnen te trekken, langer en breeder te bouwen, dewijl het oude veels te klijn is, om de Contigente rijst te bergen. —. 4„' De overtrekken aan de noord zijde ook na binnen te trek„ „ken, zoo dat tussen die gebouwen ende oude wal muur, plaats voor eene walgang van 6: rd: breet met eene banquette langs de zuijdelijke en noordelijke Gordijnen blijven zal, om Communicatie van Eene punt aan d' andere te krijgen, en die zijde met de hand geweek te kunnen Deffendeeren. — 5„ De vloer van de wagt vernieuwen en hooger maaken. —. 6„ De logie 6: â 8. d„m op hoogen en van Gooten langs de gebouwen 7o In de aanbouw, de profilen op de plan N„o 1. onder figuur 3. geteekent na te volgen. —. Deese verbeetering door malkander gecalculeert soude Circum Circa de Somma van rd„s 4407. 41. bedraagen buijten de benoo„ „digde balken blijkens de hier annexe Calculatif Reekening N„o 1. ongereekent, het geen Eene nieuw beschoeijing rondom de gragten zoude bedraagen welke verbeetering niet absolut noodzaakelijk zijnde om de hooge kosten, voor„ „bij gegaan is. —. De ondergeteekende oordeele dog van zijne pligt te zijn uw Ed: Gestr: Agtb: Eerbiedig te doen Considereeren, dat niet teegenstaande deese geprojecteerde of andere wijsere verbeeteringe uijtgevoerd wierd, de logie altoos zeer zwak blijven zal, dewijl het aanleg ende gescheurde wal muuren niet verbeetert kunnen worden, en dat Sij de veel door par„ „ticuliere huijsen gemaskeert is; dus alle geconsidereert neemt de ondergeteekende de vrijheijd uw Ed: gestr: Agtb: onder 't oog te brengen dat het veel voordeeliger soude zijn, Eene nieuwe wel gesitueerde logie te bouwen, als al dat lapwerk van reparatie, tot welk zijnde hij Een plan n„o 2. geformeert heeft, in dewelke de situatie van het fort en andere Omleggende gebouwen aangetoond werd, ende plaatse die de beste geschikt is, om Een nieuwe logie te bouwen in forme als de figuur 2. plan N„o 2. met de noodige profilen aantoont; in welke plaatsse de ondergeteekende Pous paale van 10: d„m dik te versien. — muur heeft 5
English
Samarang the 1st of February Anno 1735. Samarang the 12th of February Anno 1735. page 85: had piles driven, and found that the same, at a depth of 16 to 17 feet, had a proper firmness to build upon. The ground where the new lodge is projected is partly occupied by the bamboo houses of Javanese and European soldiers and by the stable and coach house of the Resident, the layout of those houses in the plan being drawn in green under the letters V etc., which would have to be leveled, and for the relocation of the houses one could determine the layout along the canal of Soet waeter to the mountain moeria lattera v, being an unbuilt land. Since by this project the Resident would have to do without his stables and coach house, and considering that for 3 years already Their High Excellencies have been pleased to grant the said Resident a rebuilding allowance of 3000 rixdollars for the construction of necessary slave quarters W etc. at the Resident's dwelling, the undersigned takes the liberty to propose the following arrangement to Your Right Honourable, namely: Upon the construction of a new fort, the old one becomes useless and must therefore be demolished. The inner buildings lying close to the Resident's dwelling could be appropriated for the necessary outbuildings such as stable, coach house, and slave quarters in such a manner, namely: To retain from the works of the old fort nothing other than the rice warehouse, the sergeant's dwelling, and the side buildings across from the rice warehouse; thus to raze the bastions and the guardhouse, and to use the rubble obtained during demolition to raise the ground of the new lodge by 1 to 2 feet; further, to convert the rice warehouse into a stable and coach house; to leave the sergeant's dwellings and the remaining rooms in the state in which they are, provided some repairs are made to them; finally, to enclose the rice warehouse and the northern quarters at the front and back with a fence. Since this rearrangement can be done for 600 rixdollars, and since the buildings, having been made fit for use, can be appraised at 1600 rixdollars, and while the stable and coach house of the Resident have been determined at 500 rixdollars upon takeover, the Resident would have to pay the sum of 1100 to the Honourable Company, which sum can be taken to the benefit of the new lodge. The calculation account No. 2 annexed hereto for the expenses entailed in the construction of a new fort with the inner buildings, drawbridges, moats, revetment, etc., etc., amounts to the sum of 12156: 43: 8 rixdollars, excluding the price of the below-mentioned posts and beams, which the undersigned cannot determine. Thus, deducting the 1100 rixdollars which will be furnished by the Resident for the value of the buildings of the old fort that will be appropriated for his service, the expenses of the new lodge would amount to the sum of 11056: 43: 8 rixdollars. Adding thereto the expenses of repair to the buildings of the old lodge, amounting to 600 rixdollars, the expenses shall run to 11656: 43: 8 rixdollars. Hoping herewith to have satisfied Your Right Honourable orders and intention, I take the liberty to style myself with all high esteem and respect. Was written below: Title. Lower: Your Right Honourable very humble and obedient servant. Was signed: J. B. Silon. In the margin: Samarang the 2nd of February Anno 1785. quarters quarters
Dutch transcription
Samarang den 1„e Februarij A„o 1735. —. Samarang den 12:e Februarij A:o 1735. pag: 85: heeft laaten heijen, en bevonden dat deselve op 16: â 17. p„s diepte Eene behoorlijke vastigheijd had om op te bouwen- de grond waar de nieuwe logie geprojecteerd word, is gedeeltelijk door Javaanse en Europeese Soldaaten bamboes huijsen en door de stal en waagenhuijs van de Resident bebouwt, sijnde het bestek van die huijsen in het plan, groen geteekent onder de letters V: &:, dewelke geapplaneert soude moeten worden, en tot verplaatsing van de huijsen soude men het bestek langs de doorgraeving van Soet waeter na de berg moeria lattera v: kunnen bepaalen, sijnde Eene onbebouwt land; dewijl bij dit project de resident sijn stallen en wa„ „genhuijs soude moeten missen, en aangesien reets seedert 3. Jaaren Haar Hoog Edelheedens hebben gelieven aan gemelde Resident Een vertimmering van rd„s 3000: - toete staan tot aanbouw van noodige slaaven vertrekken W: &:, bij de Residents wooning, neemt de ondergeteekende de vrijheijd uw Ed: Gestr: Agtb: de volgende schikking te pro„ „poneeren, te weeten. —. Bij aanbouw van Een nieuw fort word het oud en onnuttig en moet dierhalven verniettigd worden, de binnen gebouwen digt bij de Residents wooning leggende, zoude men deselve tot de noodige bij gebouwen als stal, wagenhuijs en slaven vertrekken kunnen appropieeren in diervoegen, Te weeten. — Niet te laaten blijven van de werken van het oude foat, als de Rijst=pakhuijs, de Zergeants wooning ende Sijde gebouwen aan de overkant van het rijst pakhuijs, dus de punten en de wagt Raseeren ende puijnen die men bij afbrak krijgen sal te gebruijken, om de grond van de nieuwe, logie 1. â 2. tv„s op te hoogen, verder de rijst pakhuijs tot Een stal en wagenhuijs vermaaken, de Sergeants wooningen, en de overige vertrekken in staat laaten waar sij sijn, mits Eenige Reparatie aandon„ „de. —. Eijndelijk de Rijst pakhuijs ende noordelijke vertrekken voor en agter met Een hekwerk sluijten. —. Aangesien deese verschikking voor rd„s 600:—: gedaan kan worden, en dat de gebouwen, in staat van gebruijk gemaakt zijnde op Rd„s 1600:—: getaxeert kunnen worden, en Terwijl de Stal en wagenhuijs van de Resident bij de overneem voor rd„s 500: - bepaald sijn, zoude de Resident de Somma van 1100: aan de Edele Compagnie moeten betaalen, welken Somma tot voordeel van de nieuwe lagie ingenoomen kan worden. —. De hier annexe Calculatief Reekening n„o 2. voor de on„ „kosten die de opbouw van Een nieuw fort met de binnen ge„ „bouwen, valbruggen, gragts, beschoeijing, enz: enz:, bedraagd de Somma van rd„s 12156: 43: 8:, buijten de prijs van de onderstaande paalen en balken, die de ondergeteekende niet bepaalen kan, dus 1100: rd„s die door de Resident ge„ „fourheert zullen worden voor de waardij van de gebouwen van het oude fort die tot zijn Dienst geapproprieert sullen worden afstrekkende zoude de onkosten van de nieuwe logie, bedraagen de Somma van rijxd„s 11056: 43. 8, daar bij de onkosten van reparatie aan de gebouwen van de oude Logie, ten bedraagen van rijd„s 600: voegende Sul„ „lende onkosten tot rd„s 11656: 43. 8, beloopen. —. Hier meede verhoopende aan uw Ed: gestr: Achtb: orders en Jntentie voldaan te hebben, neeme de vrijheijd mij met alle hoog agting en Eerbied te noemen. /:onderstond:/ Titul:/ /:lager:/ uw Ed: GeW: Agtb: dabreer onderdanige en Gehoorsaame Dienaar /:was geteekent:/ I„n B„r Silon /:in margine:/ Samarang den 2„e Februarij A. o 1785—. vertrekken verte„
English
Samarang the 12th of February Anno 1745 Samarang the 13th of February Anno 1725. page 87 Calculative Estimate of the Expenses of the projected repairs to the Fort Ioana, according to the plan of Profiles No 1. figure 2. and 3: To wit: 53. Laxa of bricks at 25. Rds the laxa. . . . . Rds 1025:—. —. 265. Coyangs of lime. . at 4. Rds the Coyang. . . . - Rds 1060. –. –. 10. masons for 136: days at 15. stivers a day. . . . Rds 425: —. —. 19. Carpenters for 150. ditto at 15. ditto. . . . . Rds 468. 36: —. 100: Battoors during the work for free. The necessary Sand for free. 10000. roof tiles alongside the old tiles at 15. Rds per 1000: - - - Rds 150. —. — 480. roof rafters at 26: stivers the piece of 2. to 3. inches. . . Rds 264. —. – 600: roof battens - - - - - - - - - Rds 82. 24. -. 200. mill planks of 2. inches for the floor of the Rice Warehouses for the platforms on the ravelin. - - - Rds 275. — —. 100. mill planks of 1: inch - - - - - - - Rds 82. 24. -. 62½. lb: sheet iron . . . - Rds —. 5. -. 2. barrels of Tar . . . . . . . . . . . Rds 40. 14. -. 200. lb: Persian Red . . . . . . . . . Rds 5. -. -. 50. bundles of binding rattans - - - - - Rds 8. 16. -. Smith's wages at 10. Rds the Picol - - - - - -. Rds 100. – Sum. Rds 3407. 41. —. 6. picols of Nails - - - - - - - - - Rds 52. 9. —. 10. ditto iron. . . . . . . . . . . . . Rds 69. 9. - Timber required: 3. pieces of beams length 43. to 44. feet, thick 15. inches 16. ditto ditto length 36. feet thick 12. inches 36. ditto ditto length 26: feet thick 8. to 9. inches 48. ditto ditto length 16. feet thick 8. to 9. inches 180. ditto ditto length 20. feet thick 9. to 10. inches 150. ditto panjang Limas, 80. ditto Gloudongs, 65. ditto Swalpen length 24. to 25. thick 5. inches was signed: Jan Bart Pilon. Calculative Estimate, of what A New Fort with the interior Buildings according to the plan No 2. fig: 2: 3: and 4. for Ioana projected, would cost, To wit: 156: Laxa of bricks at 25. Rds . . . Rds 3900: —: —. 780. Coyangs of lime at 4. Rds . . . Rds 3120. —: —: 20. masons for 161: days at 15. Stivers . . . Rds 1006: 18. 20. Carpenters for 160 ditto ditto . . . Rds 1006: —: —. 150: battoors during the work for free. the necessary Sand for free 40000: roof tiles at 15. Rds the 1000. pieces. . . . . . Rds 600: — — 1000. ridge tiles at 15. ditto ditto - - - - Rds 15: —. — 10500. Floor tiles of 12. inches at 25. Rds the 1000 - - - - Rds 262. 24. - 138: mill planks of 1: and 1½ inches . - - - - - Rds 145. 9. 8. 190: ditto ditto of 1. inch - - - - - Rds 156: 36: —: 3336: Barrel planks at 10. Rds the 100. pieces. - - Rds 332. 24. —. 980. roof rafters of 2. and 3. inches - - - - - - - - - Rds 539. —. —. 1350. Roof battens - - - - - - - - - -- Rds 66: 32:—. 1000. pieces of bamboos for free - - - - - - Rds —. - - 400. pieces bundles of binding rattans - - - - - - Rds 34. 23. -. 100. ditto ditto - - - 32. picols of Nails - - - - - - - - - - - Rds 278. 18. 8. 25. ditto iron - - - - - - - - - - - Rds 172: 47. -. 135. lb: sheet iron - - - - - - - - Rds 10. 37. 8. 4. barrels of Tar and necessary Persian red. - - - Rds 80: 38. -. Smith's wages at 10. Rds the picol . . - - - - - Rds 250: —. — Sum Rds 12156: 43. 8. further timber required: 19. beams long 45: feet thick 15. to 16: inches 24. ditto long 34. feet thick 13. ditto 90. ditto long 24. feet thick 10. inches 218. ditto long 20: feet thick 9. inches 76. ditto long 18. feet thick 7. inches 1426: ditto long 18. feet thick 8. to 9. inches 358. Panjangs limas, 236: Swalpen long 24. to 25: rods thick 5: inches 931. Tinkanse planks of 2½. was signed: I: B: Pilon. please turn over. page: 89: Samarang the 1st of March Anno 1735. Samarang the 1st of March Anno 1785: Batavia. To His Right Honorable. The Right Honorable, Valiant, Highly Esteemed Lord. Mr. Willem Arnold Alting, Governor General, together with the Honorable, Valiant Lords Councilors of Netherlands India, etc: etc: etc: Right Honorable, Valiant, Highly Esteemed Lord: and Honorable, Valiant Lords! My last that I had the honor to write to your Right Honorable Lordships was of the 12th of February last, and now replying to Their utmost separate Letter, of the 28th of January preceding, I express my gratitude for the agreeable information given regarding the safe arrival of the ships 't Hoff ter Linde and the Diamant, under respectful notice that the first-mentioned vessel arrived here on the 25th of January last, in such state and condition as the Report accompanying this in respect from the ordinary Lieutenant and Commander of that vessel Johannes de Freijn shows; your Right Honorable Lordships will if pleasing see from the same that this vessel, notwithstanding all the defects cited therein, can by a good caulking inside and outside be brought to such condition that it will be able to transport a cargo from here to Batavia; the orders for the caulking have already been given, and I shall now, in consultation with the said Commander, freight the ship with some light timber and Circa 300: Coyangs of Rice, in order, when the easterly winds are somewhat steady, to return with it; it being unadvisable before that time; for even though the ship is tight, the rigging, spars etc: remain so defective, that it cannot well sail against, but must sail before the wind. The Two Elephants of Trengganu's king transshipped at Cheribon from the Diamant into 't Hoff ter Linde having been brought here, I shall, in accordance with your Right Honorable Lordships' venerated Orders, offer as a gift to the Emperor and the Sultan, as soon as the large one of those two animals shall be healed from a painful ulceration on the right front leg, which I hope will succeed, because it cannot well otherwise be presented without giving unfavorable thoughts to one of the rulers, although I had planned the largest for the Sultan, because the Emperor, at the previous receipt, had been preferred by the handover of the largest Elephant; and this I have also already
Dutch transcription
Samarang den 12„e Februarij A„o 1745 Samarang den 13„e Februarij A„o 1725. ppag: 87/ Calculatif Reekening van de Inkosten van de geprojecteerde reparatien aan het Fort Ioana, volgens de plan van Profilen n„o 1. figuua 2. en 3: Te weeten. —. 53. Laxa metselsteenen â 25. rd„s de laxa. . . . . Rd„s 1025:—. —. 265. Coijangs kalk. . „. 4. „ de Coijang. . . . - „ 1060. –. –. 10. metzelaars 136: dagen „ 15. stvr„s 'I dangs. . . . „ 425: —. —. 19. Timmerlieden 150. _„o „ 15. „ _„o. . . . . „ 468. 36: —. 100: Battoors geduurende het werk voor niet. — De noodige Sand voor niet. — 10000. dak pannen bij de oude pannen â 15. rd„s ƒ 1000: - - - „ 150. —. — 480. dakribben â 26: stver„s 't pees van 2. â 3. d„m. . . „ 264. —. – 600: panno=latten - - - - - - - - - „ 82. 24. -. 200. moole planken van 2. d„m voor de vloer van het Rijst Pakhuijsen voor de beddingen op het ravelijn. - - - „ 275. — —. 100. moole planken van 1: d„m - - - - - - - „ 82. 24. -. 62½. lb: plaat ijser 2. vaeten Theer . . . . . . . . . . . „ 40. 14. -. 200. lb: Persiaans Rood 50. bossen bind Rottings Smitsloon â 10. rd„s de Picol - - - - - -. „ 100. – Somma. Rd„s a407. 41. —. 6. picols Spijkers - - - - - - - - - „ 52. 9. —. 10. „ ijser. . . . . . . . . . . . . „ 69. 9. - . . . - „ —. 5. -. . . . . . . . . . „ 5. -. -. - - - - - „ 8. 16. -. Aan Houtwerk benoodigt. 3. p„s balken l„a 43. â 44. voet, dik 15. d„m 16. „ d„o „ 36. „ „ 12. „ 36. „ d„o „ 26: „ „ 8. â 9. „ 48. „ d„o „ 16. „ „ 8. „ 9. „ 180. „ d„o „ 20. „ „ 9. „ 10. „ 150. „ panjang Limas, 80. „ Gloudongs, 65. „ Swalpen l„t 24. â 25. dik 5. d„m /:was geteekent:/ J„n B:t Pilon. — palculalijf Reekening, van het geen Een Nieuwe Fort met de binnen Gebouwen de plan N„o 2. fig: 2: 3: en 4. voor Ioana geprojesteerd, zoude kosten, Te weeten: 156: Laja metzel steenen â 25. rd„s 780. Coijangs kalk „ 4. „ „ 3120. —: —: 20. metzelaars 161: dagen â 15. Stver„s _„o 20. Timmerlieden 160- „ „ 150: battoons geduurende het werk voor niet. —. 't noodig Sand voor niet 40000: dak pannen â 15. rd„s t 1000. pees. . . . . . „ 600: — — 1000. vorst „ „ 15. „ d„o „ 10500. Vloersteenen van 12. d=m â 25. rd„s t 1000 - - - - „ 262. 24. - 138: mole planken „ 1: en 1½2. d=m . - - - - - „ 145. 9 8. 3336: Tonnen planken â 10. rd„s t 100. pees. - - „ 332. 24. —. 980. dakribben van 2. en 3. d„m - - - - - - - - - „ 539. —. —. 1000. p„s bamboesen voor niet - - - - - - „ —. - - 400. „ bossen bind rottings - - - 4. vatten Teer en noodige persiaanse rood. - - - „ 80: 38. -. Smitsloon â 10. rd„s de picol . . - - - - - „ 250: —. — Somma Rd„s 12156: 438. verder aan houtwerk benoodigt. 19. balkeen lang 45: v„t dik 15. â 16: d„m 24. „ „ 34. „ „ 13. d„o 90. „ „ 24. „ „ 10. „ 218. „ „ 20: „ „ 9. „ 76. „ „ 18. „ „ 7. „ 1426: „ „ 18. „ „ 8. â9. „ 358. Panjangs limas, 236: Swalpen lang 24. â 25: r„s dik 5: d„m 931. Tinkanse planken van 2½. /:was geteekent:/ I: B: Pilon. — . . . rd„s 3900: —: —. „ 1006: 18. 190: „ „ „ 1. „ - - - - - „ 156: 36: —: 1350. Panne latten - - - - - - - - - - - - „ 15: —. — 32. picols Spijkers - - - - - - - - - - - „ 278. 18. 8. - -- „ 66: 32:—. - - - „ 185. 38. -. 25. d„o ijzer - - - - - - - - - - - „ 172: 47. -. 135. lb: plaat ijser - - - - - - - - „ 10. 37. 8. - - - - – „ 34. 23. -. -. . „ 1006: —: —. verte. 6 6 E„t 100. „ _:o - - - pag: 89: Samarang den 1„e Maart A„o 1735. —. Samarang den 1„e Maart A„o 1785:— Batavia. Van zijn Hoog Edelheijd. Den Hoog Edel Gestrenge Groot Achtbaaren Heere. M„r Willem Arnold Alting, Gouverneur Generaal, beneevens de wil= „Edele Gestrenge Heeren Raaden van Neederlands India, en z: enz: enz: Hoog Edel Gestrenge, Groot Agtbaren Her: en WelEdele Gestrenge Heeren! Mijn laaste de ik d' eeren: heb ghad, aan uw Hoog Edel„ „heeden &b Schrijven, is van den 12: Februarij Jongstleeden, en thans antwoordende op hoogst Derselver aparte Briev, van den 28„e Ianuarij bevoorens, zoo betuijge ik mijne verpligting, voor het gegeeven aangenaame narigt, weegens het gelukkig behouden, der scheepen 't Hoff ter Linde en de Diamant, onder eerbiedige notitie, dat eerstgem: bodem, op den 25. Januarij Jongstleeden, alhier verscheenen is, in zoodanige staat en toestand, als het deesen in Eerbied versellende Rapport, van den ordinair Luitenant en Gezaghebber op dien bodem Iohannes de Freijn, aanwijst; uw Hoog Edelheeden zullen uit het zelve des gelievende zien, dat deesen bodem, ongagt alle de daarbij aangehaalde gebreeken, door een goede Calfaet- slag, binnen en buiten boord, tot zoo verre in staat kan warden gebragt, dat deselve een lading, van hier naar Batavia, zal kunnen vervoe„ „ren, de ordres, tot de Culfarteering, is aads gegeven, en ik zel als nu, met overleg van den gemelde Gesaghebber, 't schip bevragter met eenige ligte houtwerken en Circa 300: Coij„s Rijst, om, wanneer de oostewinden, eenig sints pal staan, daar mede te retourneeren; zijnde het voor die tijd ongeraeden; want of schoon het schip al digt is, blijft d' Equipagie, aan Rondhouten etc:, dermaeten gebrekkelijk, dat hetzelve, niet wel teegens, maar voor Twinds, diend te Zeijlen. — De Twee Eliphanten van Tranganos koning te Cheribon, uit de Diamant in 't Hoff verLinde, overgescheept, alhier aangebragt zijnde zal ik, ingevolge uw Hoog Edelheeden Gevenereerde Ordres, aan den keijzer en den Sulthan, in geschenk aanbieden, zoo dra de groote van die twee dieren, van een pijnelijke versweering, aan de regter voorpoot, zal geneesen weesen, het geene ik hoope, dat gelukken zal, om dat hetzelve, niet wel anders te presenteeren is, zonder ongunstige gedagten, aan een van de vorsten, te geeven, of Schoon ik de grootste, voor den Sulthan had geprojecteerd, om dat den keijser, bij den voorigen ontfangst, door de afgave, van de grootste Eliphant, was gepreffereerd geworden; en dit hebbe ik ook reeds, aan aanwijst vn 1 5
English
Samarang, the 1st of March, Anno 1785. Samarang, the 1st of March, Anno 1785. page 91 made known to the First Resident van Rhijn, in order, if it were possible, to make the ruler believe that precisely this misfortune had befallen his elephant, sent as a gift by Your High Noblenesses, while traveling, and that therefore no choice could be made in that regard, with the addition of a positive assurance that Your High Noblenesses will not be disinclined, in the event of an unsuccessful recovery of the animal currently in Samarang, in due course and at a suitable opportunity, to send another elephant in its place. Regarding native affairs, I may report to Your High Noblenesses with great pleasure that the Emperor, who for some time previously suffered from a severe diarrhea, so much so that this illness, towards the end, seemed to be of such alarming consequence that His Highness himself, fearing a dangerous outcome, had me informed thereof, and I had also already arranged everything necessary to depart immediately for Souracarta upon the receipt of disagreeable news and to issue orders conducive to peace and tranquility, has now overcome the danger and is recovered to such an extent that all fear of that illness ceases, and one may, with peace of mind, fully hope for a further prosperous recovery. I also give Your High Noblenesses the required communication concerning the successful delivery of the Raden Ayu Adipati, wife of the Crown Prince at Souracarta, on the 15th of February 1785, of a well-formed son; His Highness the Emperor is very much gladdened by this joyous event and has given me the kindest notification thereof, whereupon I have likewise reciprocally congratulated His Highness on this most pleasant event, whereby peace and tranquility on Java are all the more strongly secured, in view of the further alliance with the House of Madura, which can always serve the Emperor as a pillar of support, whereas otherwise, without this event, the marriage of the Crown Prince would possibly not have been of long duration, since the Emperor and his son, both living, like all other Javanese, tainted with superstition, predicted no favorable outcome from it, and had already noted how, according to previous examples, the imperial house with that of Madura had always been unfortunate in their marital alliances, partly through infertility, and partly through the lack of a harmonious and pleasant life together. As I am reluctant to detain Your High Noblenesses' attention with the account of events that occur daily on Java, but being considered of no consequence, are therefore mostly avoided by me to be cited, I nevertheless find myself obliged this time to report to Your High Noblenesses the recent incident at Soura Carta with Pangeran Mangkunegara, the more so as this pertains to Samarang, the 1st of March, Anno 1785. page 93 Samarang, the 1st of March, Anno 1785. what will follow hereafter with respect to the actions of the Sultan; this prince, having been addressed in the most amiable manner by the First Resident at the Emperor's court to the effect that, according to letters written by the Sultan's grand vizier to that of the Emperor, as well as by the declaration annexed thereto, his youngest son Raden Mas Suryo Dimorto was suspected and accused of having, with some armed men, launched an attack on some of the Sultan's people who, coming from the eastern part of Java according to custom, were traveling down to Mataram to pay homage at Mulud, and that on that occasion one of the Sultan's people had fallen, listened to the account with all attention, and gratefully accepting the friendly representations of the First Resident Palm, demanded beforehand an impartial investigation; and, having his said son appear thereupon, it was found that he was sick and weak, and apparently had not been capable of that enterprise, which is otherwise quite characteristic of the children of Mangkunegara; whereupon he, judging himself now wronged and that the right was on his side, suddenly leaped up in anger, saying: "Mr. Chief, it is time, I can no longer endure the insult of the Sultan. He has misled me from the very beginning, when the Company waged the late war on Java, and now his chief aim is to slander me and mine before the Company and make us hated, and so, having been torn away and abandoned by the same, to carry out, if it were possible, his haughty notions of independence and sole rule." A moment was required to see this hasty prince somewhat calmed down; after which the First Resident Palm, following the instructions given to him, demonstrated the contrary thereof and the consequences of such a hasty enterprise, with the assurance that he could rely with all confidence on the Company's benevolent protection as long as he conducted himself peacefully, since the contrary could not be otherwise than extremely unfortunate for him and his children; and all this having been further impressed upon his mind in the friendliest manner by me, by means of a contract letter and a small gift, he now appears to be pacified again, and this thunderstorm to have been outwardly dispelled; I say outwardly, for without knowing everything that goes on in the heart of Pangeran Mangkunegara, it is nevertheless fully known that it is filled with a bitter and irreconcilable hatred against the Sultan, and that he longs for nothing more than to see the Company's arms led against Mataram as a favorable moment to be able to take revenge; yet, beyond this, one can and may remain assured.
Dutch transcription
Samarang den 1„' Maart A:o 175. Samarang den 1„e Maart A„o 1785. —. pag: 91: den Eersten Resident van Rhijn, te kennen gegeeven, om waare het moogelijk, den vorst te doen gelooven, dat Juist dit ongeluk aan zijn Eliphant, door uw Hoog Edelhee„ „den in geschenk gesonden, op reijse te beurt gevallen was, en dat over zulx daaromtrent geene verkiesing plaats vind, met bijvoeging van een stellige verzeekering, dat uw Hoog Edel„ „heeden niet ongeneegen zullen zijn, om bij een mislukte geneesing, van het te Samarang zijnde dier, in der tijd, bij geleegentheijd, een andere Eliphant, in dies plaats te zenden. — Inlandsche zaaken betreffende mag ik uw Hoog Edelheeden met veel genoegen melden, dat den keijzer, die eenige tijd bevoorens, aan een Zwaare Diarrhaea, laboreerde, zoodanig dat deese siekte, in het laast, van die nadenkelijke gevolgen scheen te weesen, dat zijn hoogheijd zelfs, voor ee„ gevaarlijke uitslag vreesende mij daarvan, deed kennisse gee„ „ven, en ik ook al reeds, alle het noodige hadde bewerkstelligd, om direct, op den ontfangst van onaangenaame berigten, naar Souracarta te vertrekken, en ordres te stellen, dienstig tot rust en vreede, tans weederom het gevaar te booven, en tot zoo verre hersteld is, dat alle vrees voor die ziek te ophoud, en mon op een verdere voorspoedige herstelling, met gereustheijd, volkoomentlijk hoopen mag. —. Ook geee ik uw Hoog Edelheeden, de verEijschte Communicatie, weegens de gelukkige bevalling, van den Raden aijoe Adipattij, Huivrouw van den kroonpains te souracaata op den 15. februarij 1785. , van een welgeschorpen zoon; zijn Hoogheijd den keijser, is over dese blijde gebeurtenis„ zeer verhougd en heeft mij daarvan, de vriendelijkste bekendmaar „king, gedaan, invoegen ik zijn Hoogheijd dan ook weeder reci„ „proque gefeciliteerd hebbe, met dit alleraangenaamste eve„ „nement, waar door de Rust en vreede op Java, te sterken word verzeekerd, uit aanmerking der meerdere verbintenisse aan 't Huis van Madura, die den keijzer dog altoos, tot een rugg steun strek„ „ken kan, daar moogelijk anders, buijten deese gebeurtenis het Huwelijk van den kroonprins, van geen lange duur, zoude geweest zijn, dewijl den keijser en zijn zoora, bijde leve„ als alle andere Javaanen, met bijgeloof besmat, zig geen gunsti„ „ge uitslag, daarvan voorspelde, en bereeds ook aangemerkt, hadden, hoe na voorige ECempelen, het keijzerlijke huijs, met dat van Madura, steeds ongelukkig, in hunne Egt„ „ verbintenisse geweest waaren, eensdeels door onvruchtbaarheid, en ten anderen, door het gemis, van en overeen stemmende ge„ „noegelijke te zaamen leeving. — Daar ik uw Hoog Edelheeden attentie, ongaarne ophoude, met het verhaal, van gebeurtenisse, die op Java dagelijx exteeren, dog als van geene gevolgen te Considereeren, daarom meest door mij vermeid worden, aantehaalen, zoo vinde ik mij egter ditmaal verpligt, uw Hoog Edelhee= „den te moeten melden, het Jongste voorval te Soura Carta met pangerang Mancoenagara, te meer daar zulx te be= 6 Samarang den 1„e Maart A:o 1785. pag: 93. Samarang den 1„e Maart A:o 1785. — betrekkelijk is, tot het geene hier na volgen zal, ten opsig„ „te van des Sulthans bedrijven; deese prins, door den Eersten Resident aan 'S keijsers hoff, op 't minsaamste onderhouden geworden zijnde als dat, volgens brieven, door des sulthans rijxbestierder aan die van den keijzer ge„ „schreeven, mitsgaders bij de daar neevens gevoegde verkla„ „ring, zijn Jong ste zoon Radeen Maas Soerio Dimorto, verdagt gehouden en beschuldigt wierd, van niet nog eenige gewaapende manschappen, een aanval gedaan te hebben, op eenige van Sulthans volk, die uijt het oostelijke gedeelte van Iava, volgens gebruijk na de Mattarm afkwaamen, om op Moulout homage te doen, en dat bij die geleegentheijd, een van Sulthans volk gesneuveld was, hoords met alle attentie het verhaal aan, en de vriendelijke voorhouding van den Eersten Resident Palm, in dank overneemende Eijschte egter voorag, een onsijdig ondersoek„ en, daarop deese zijn zoon, te voorschein doende koomen, zoo wierd bevonden, dat denzelven ziek en zwak, en na het schien, tot die ontreprince, de kinderen van Mancoena„ „gara, anders owel eijgen, niet in staat was geweest; waar op hij, als oordeelende nu verongelijkt, en het regt aan sijn kant te weesen, eensklap 't in Toorn opsprong, zeggende, mijn heer opperhoofd, het is tijd, ik kan de beleediging van den Sulthan, niet langer verdraagen, Hij heeft mij van den beginne af aan, dat de Comp„e, den Jongsten oorlog op Java, voerde„ mislijdt, en nu is zijn hoofd doelwit, om mij en de mijnen, bij de Compagnie, zwart en gehaet te maeken, en zoo van desel„ „ve afgescheurd en verlaaten zijnde zijne hoogmoedige denkbiel„ „den, van onafhankelijkheijd en alleen heersching, waare het moogelijk ter uitvoer te brengen; een ogenblik wierd 'en ver= „Eijscht, om deesen haastige prins, eenig sints bedaard te zien„ waar na den Eersten Resident Palm, in naarvolging van d'aa han gegeeven Instructie, het teegendeel van dien, en de gevol„ „gen van een zoo haastige onderneeming betoogde, met ver„ „zeekering, dat hij met alle gerustheijd, op 's Compagnies geneegene bescherming, konde vertrouwen, zoo lange hij zig vreedig ge= „droeg, daar het Contrarie voor hem en zijne kinderen, niet an„ „ders dan ten hoogsten ongelukkig konde weesen; en dit alle naeder door mij, bij een Contract brievje en een Smal geschenkje op sijn gemoed op het vriendelijkste aangedrongen zijnde zoo schrint hij thans weeder bevreedigt, en deeren onweers buij„ uittelijk vervreeven te zijn; Ik zegge uiterlijk want zonder alles te weeten, wat in het harte van pangarang Mangcoenagarra omgaat, is het egter ten vollen bekend, dat zulx vervuld is, met een bittere en onversoenlijke haek, teng„ den Sulthan, en dat hij naar niets meerder verlangd, dan 'S Compag„s wapenen, teegen de mattarm aangevoerd te zien, als een gunstig tijdstip, om zig te kunnen wreeken; dog, buijten dien kan en mag nien zig verzeekerd af houden
English
page 95. Samarang the 1st of March Anno 1785. Samarang the 1st of March Anno 1745. maintain that he will undertake no enterprise, as much out of attachment to the Company as out of the awareness of his inability to act against his enemy without some support on the part of the Company. The Sultan, who on the other hand acts more covertly in his conduct and rarely expresses himself about his enemy, but nevertheless, regarding him as a thorn in the flesh, would wish to see him far from Java, has now recently and quite unexpectedly ordered all his people to cease all other labor and occupy themselves with making five batteries around the Kraton. And with this work an immediate start was made and it was hurried along so swiftly that the batteries were thrown up and completed in less than 12 days. I was at first intending to encourage the Sultan to cease further labor and to abandon this work, which aroused the attention of the Company and its allies in this time of peace and quiet, but when shortly thereafter the First Resident van Rhijn informed me in a second letter of the progress and speed and almost complete construction of these works, and also that the Sultan would now never resolve to demolish them, being on the one hand too stubborn and willful for that, and on the other hand out of a false sense of shame before his subjects, I judged it best to confer with him about this in a letter, as a copy thereof, enclosed herewith, dictates, since in such cases one seldom advances much by way of requests, whereas a contrary proposition brings the Sultan into such an embarrassment that one can somewhat fathom his heart. From his reply to it, which also respectfully accompanies this, Your High Right Honourables will see the purpose of constructing the batteries, namely to secure himself against some disturbers of the peace who might come to stir up unrest and might cause unpleasantness and anxieties for the common man. And since all this falls in a period when Pangeran Mancoenagara had been provoked into taking up arms over an insult, I must suppose that he means this prince by it and has no other intentions than to fortify his Kraton according to an ancient custom of the former Javanese monarchs, the more so since one may indeed rely upon his openhearted and well-meaning assurance in the continuation of that letter, saying that he has by no means forgotten that the Company established his realm, and at the same time showing himself not disinclined to construct, in due time, according to my proposal, three posts or fortresses along the road to Djocjocarta, in the manner of those to be found on the road to Souracarta. This latter I had least expected, partly because the Sultan, being haughty, is reluctant to incur expenditures, and partly because the Company such; there
Dutch transcription
pag: 95:—. Samarang den 1„e Maart A„o 1785: — Samarang den 1:' Maart A:o 1745. — houden, dat hij geen onderneeming, zal doen, zoo un't hoofde en attachement aan de Compagnie, als de bewustheijd van onvermoogen, om teegen zijnen vijand, zonder eenige onder„ „stemming 's Compagnies weegen, te kunnen ageeren. — Den Sulthan die in zijn doen en laaten, daarenteegen bedekter te werk gaat, en zig maar zeldzaam, over sijn vijand uitlaat, maar hem egter, als een doorn in de voet, beschouwende wel winschte, verre van Iava te zien, heeft nu Jongst en wel op het onverwagte, aan al sijn volk last gegeeven, om alle andere arbeid te staaken, en zig beezig te houden, met het maaken van Vijff Batterijen, rondsomme de Craton, en met welk werk dan ook, oogenblikkelijk, aanvang gemaakt, en soo sterk gespoed wierd, dat de batterijen in minder dan 12. daagen, opgeworpen en vervaardigt zijn; Ik was eerst van voorneemen, om den Sulthan te animeeren, den vorderen arbeid te doen staaken, en van dit werk, het welk de Com= „pagnie en haare bondgenooten, in deesen tijd van vreede en rust, opmerksaam maakte, aftezien, maar, wanneer kort daar aan, den Eerste resident van Rhijn, mij bij een Tweede briev, den voortgang en spoed en bijna geheele Instruc„ „tie dier werken, bedeelde, ook dat hij Dulthan als nu, min„ „mer Soude besluijten, deselve te demoljeeren, als daar toe eens= „deels te koppig en eijgenzinnig zijnde en anderendeels, uit een verkeerde schaamse voor sijne onderdaanen, zoo oordeelde ik het best, om hem daarover, bij een brieff zoodanig te onderhouden, als Copij van dien, hioemnaw inspande, dicteerd, dewijl men in diergelijke gevallen versoekender wijse, selven veel vorderd; daar een teegengestelde propositie, den Sulthan in die verleegentheijd brengd, dat men zijn hart, eenigsints kan doorgronden; uit zijn antwoord daar op, dat„ meede deese in eerbied verseld, zal uw Hoog Edelheeden, het oogmerk van het aanleggen der batterijen, namentlijk om zig te verzeekeren, teegens eenige rust verstoorders; die onlusten koo„ „men te verwakken, en den gemeenen man, Onaangenaamheden en bekommeringen, zoude moogen veroorzaaken, en daar dit alles vervalt, in een tijdstip, dat pangerang Mancoenagara over belediging, in 't Harnas was gejaagd, zoo moet ik ver„ „onderstellen, dat hij daarmeede, deese prins, bedoeld en geen an„ „dere oogmerken heeft, dan om sijn Craton, na een al oud gebruik der voorige Iavaase vorsten, te versterken, te meer nog, daar men wel mag staat maaken, op Sijne oponhartige en welmeenende verzeekering, bij het vervolg van dien briev, zeggende van nog in geenen deelen, vergeteeken zijn, dat de Comp„e zijn rijk hadt opgerigt, en daarbij teffens, zig niet ongeneegen toond, om in der tijd, volgens mijn voorstel, langs de weg naar Djocjocarta, drie posten of fortressen, aan„ „teleggen, invoegen die op den weg naar Souracarta te vinden zijn, dit laaste hadde ik het minst verwagt„ een Deels om dat den Sulthan, hoog Duinig, ongaarne Spandaties doet, en ten anderen, om dat de Compagnie Zodanig; daar
English
Samarang the 1st of March Anno 1785 Samarang the 1st of March Anno 1735. — would thereby be noticeably strengthened in the uplands; I hope, therefore, that Your High Excellencies will be pleased to approve this proposition made without qualification, the execution of which appears to me desirable and necessary, considering that the road to Djoejocarta currently lies completely open, and being cut off from the Solo road by mountains, has not the least communication with the forts situated thereon, as a result of which, in times of unrest, one can only with great difficulty and hindrance offer assistance to the lodge at Djoejocarta, whilst at the same time, in the event of an unfortunate defeat—as occurred several times on those heights and places in the previous Javanese war—no secure retreat is to be found, so that Your High Excellencies can see from the map No. 2 respectfully accompanying this, as well as the adjoining report from the Engineer Pilon, containing his considerations regarding the local layout of these 3 small forts; I take the liberty to refer further thereto, and also to present to Your High Excellencies alongside this a second map No. 1, drawn by sight in all secrecy by the said Engineer Pilon, showing the situation of the Sultan's kraton and the batteries recently thrown up around it; a commission that I had requested of him, and whose execution Your High Excellencies will find further noted in his just-mentioned report. Thus, I further request to be allowed to refer thereto, noting only that the batteries in question were constructed by the Crown Prince's favourite, the Tumanggung Wiro Gunoi, not entirely without deliberation according to the European manner of fortification, though without fear of serious consequences for the Company's lodge, but rather to strengthen themselves against unexpected violence or in the event of a retreat, in which case the said Engineer considers it ill-advised to mount a forced attack, since the extent of the kraton, being covered with many walls and unknown hiding places, requires a large body of troops to draw a circumvallation line, whereby many men would be lost before one could make oneself master of it; and since the walls, moreover, are so thick that no 12-pounder ball can shoot a breach, the said Engineer considers the single and best means to make an enemy vacate the kraton to be the throwing inside of a multitude of bombs and fireballs, which would be of even greater effect if all the dwelling quarters from the south-western bastion of the Company's lodge up to and into the kraton were measured out with greater accuracy, as he was able to do during his presence at Djoejocarta, in order to determine the elevation of the mortar by trial shots from distance to distance; and since the first, namely an accurate survey, can indeed take place according to the word of the said Engineer Pilon without fear of arousing suspicion with the Sultan, I have requested this of the First Resident van Rhijn, in order thereafter to let the second, or the making of trial shots, follow; but as the required four mortars, namely 2 of 7 inches and 2 of 6 inches, with the necessary bombs and fireballs, are not in stock at Samarang, I respectfully request that they may be sent hither from Batavia, in the event that Your High Excellencies approve the precautions proposed herein, to be taken in all secrecy and in good time, notwithstanding that Java currently finds itself in such peaceful rest and agreeable condition that one can fully rely upon both princes, their goodwill and attachment to the Company, without fear that this will be broken by any hostility, at least not as long as they may remain alive. — With the construction of the Company's lodge at Djokjokarta, noticeable progress has been made for some time; the Engineer Pilon, who was ordered to keep an eye on it on that occasion, reports to me that the dragoons' barracks are almost completed, and that they were on the point of undertaking the still lacking buildings, such as the residence for the Chief, the bookkeeper and the surgeon, as well as the drawbridge, as is confirmed by his previously mentioned report accompanying this, whereby I respectfully remark that this lodge has been laid out particularly solid, strong, and in everything according to the Engineer's order, but that another year and a half will certainly elapse before the same will be entirely completed, mostly on account of the lack of heavy timber in the vicinity, and because it must be brought from afar by the Sultan's people with great difficulty. — Furthermore, I take the liberty to present to Your High Excellencies a petition from the military Lieutenant Carel Albert Christiaan van Boze, who, upon the permission obtained for that purpose, is once again in Java for the restoration of his health, with the purpose of being allowed to continue military service here; and since the Batavian climate is completely and to such an extent contrary to his constitution that, without hope of recovery, always sickly and languishing, he is unable to perform his service there, I request Your High Excellencies' kindness for a gracious disposition upon his suit, the more so because he can well find employment here among the military. — Regarding the rice crop, I can for the present report nothing else to Your High Excellencies than what was noted in my respectful separate letter of 28 January last, namely that the season remains most favourable, and that that
Dutch transcription
Samarang den 1„e Maart A„o 1785: Samarang den 1„e Maart A„o 1735. — daar door, in de boovenlanden, merkelijk zoude versterkt worden; ik hoope dierhalven, dat uw Hoog Edelheeden zullen gelieven te approbeeren, deese ongequalificeerd gedaane paopo Liti, welkers executie mij wenschelijk en noodzakelijk toescheind, gemerkt thans den weg naar Djoejocarta ge„ „heel oopen legd, en door gebergtens van de Toloschen weg„ afgesneeden; geen de minste Communicatie, met de daarop geleegene forten heeft, waar door men in tijden van onraad, niet dan met veel moeite en hindernisse, de logie te Djosjocaata ad„ „sistentie bieden kan, terwijl teffens bij een ongelukkige nederlaag„ zoo als in de voorige Javaasche oorlog, op die hoogtens en plaat„ „sen, verscheiden maalen is Voorgevallen, geen zeekere retraite te vinden is, invoegen uw Hoog Edelheeden zien kunnen uit het deesen in eerbied versellend kaartje n„o 2. iten het daar neevens leggend berigt van den Jngenieur Pilon, be„ „kelzende zijne Consideratien, omtrent de plaatselijke aan„ „leg, van deese 3. fortjes; Ik neeme de vrijheijd mij daar aan verder te gedraagen, en uw Hoog Edelheeden nevens deese, ook nog te presenteeren, een tweede kaartje n„o 1. door gemelde Jngenieur Tilon, in alle Secretesse, op het oog„ ontworpen, aantoonende de Tituatie van des Sulthans Craton en d' Jongst daaromme opgeworpen batterijen; eene Commissie, die ik aan hem gedemandeerd hadde, en welkers uitvoering, uw hoog Edelheeden verder zul„ „loude aangeteekend vinden, bij zijn evengemelde berigt„ zoo verzoeke ik al verder, mij daaraan te moogen referee„ „ren, onder notitie eeniglijk, dat de questieuse batterijen, door des kroonprins Mignon, den Tommongong Wiero Goeno, niet geheel en al, zonder overleg, na d' Propische wijse van fortificeeren, zijn aangelegd, egter zonder bedug„ ting, van nadenkelijke gevolgen, voor 's Compagnies logie, maar eerder om zig tregen onverwagt geweld, of bij een retraite te versterken, in welk geval, gemelde Ingenieur, het ondvor„ „geraaden oordeeld, een geforeerde attacque te doen, daar de uijtge= „strektheijd der Craton, met veele muuren en onbekende Schuilplaatsen, bedekt zijnde een magt van volk eijscht, om een Circouvalatie Linie, te trekken, waarbij veele man„ „schappen zoude verlooren gaan / vooraf men zig daar van konde meester maaken; en dewijl de muuren, booven dien, zoo dik zijn, dat geen 12: ponder kogel, bres kan schieten, zoo oordeelt hij Ingenieur, als 't eenig= en beste middel„ om een vijand de Craton te doen ruijmen, het daar binnen werpen van een menigte bommen en brandkogell, t' wolk van te meerder effect zoude zijn, wanneer van 't zuidwe ster Bolwerk van 'S Compagnies logie, tot voor en in de Craton, alle de verblijf plaatsen, met meerder accuratesse wierden afmeeten, daar hij bij aanweesen te DjosjoCarta, heeft kunnen doen, om door proefschooten, van distantie tot distan„ „kie, d'elivatie van den morszer, te bepaalen; en dewijl het Eerste, verto een accuraate meeting, volgens het woorwel van zoo gedagte Samarang den 1„e Maart A:o 1785 pag: 9: Samarang den 1„e Maart A:o 1785: —. gedagte Jngenieuse Tilon, zonder bedugting van bij den sulthan argwaan te verwekken, wel geschieden kan, zoo hebbe ik zulx den eersten resident van Rhijn gedeman„ „deert, om daarna, het Tweede of het doen van proef schooten, te laaten gevolg neemen; dan alzoo op Samarang, de verEijschte vier mortieren als 2. van 7: en 2. van 6: d„m met de noodige bomben en brandkogels, niet in voorraad sijn„ zoo versoeke ik eerbiediglijk dat die van Batavia naar herwaards moogen gesonden worden, zoo en ingevalle uw Hoog Edelheeden approbeeren, d' in deesen voorgestelde, en alle Decretesse, bij tijds te naemen, praecautien, ongeagt Iava, tans in die vreedige rust en genoegelijke gesteldheijd verceerd, dat men op de bijde vorsten, hunne welmeemendheijd en attachement aan de Compagnie, zig ten vollen kan verla„ „ten, zonder vreese dat die door eenige vijandelijkheijd, zal worden afgebrooken, ten minsten niet, zoo lange zij in het leeven blijven moogen. —. Met den Opbouw van 'S Compagnies logie de Djokpokarta„ is men seedert eenige tijd merkelijk gevorderd; den In„ „gonieur Pilon, welke gelast was, om bij die ge= „leegentheijd, daar op het oog te vestigen, berigt mij dat de dragonders baracq„ bijna voltooijd is, en dat men wd; de nog manqueerende gebouwen als de wooning voor het Opperhoofd, don boekhouder en Chirurgijn, mitsgaders de val brug, stond onder handen te neemen, invoegen dit bij zijn voorwaards vermeld en deese vervellende berigt Consteerd, waar bij ik eerbiediglijk aanmerke, dat deese logie„ besonder hegt, sterk en in alles, na d' ordre van Ingenieur is aangelegd, maar dat 'er nog wel anderhalv Iaar verloo„ „pen zal, voor en al eer deselve volkoomentlijk zal weesen voltooijd, meest uijt hoofde van gebrek aan zwaar hout in de nabijheijd, en dat het zelve van verre, door Sulthans volk met veel moeite, moet worden aangevoerd. —. Voorts neeme ik de vrijheijd uwe Hoog Edelheeden aantebieden, een Supplicq, van den Luitmnant militair Carel Albert Christiaan van Boze, die zig op de daartoe bekoomene permissie, andermaal ter herstelling van sijne gesondheijd, op Iava, bevind, ten zijnde alhier te moogen blijven militeeren; en dewijl het Batavias klimaat, teegen sijn Constitutie, geheel en al, en tot zoo verre Strijd, dat hij zonder hoope van herstelling, altoos siekelijk en kwijnende, buijten staat is, zijne dienst aldaar waarteneemen, zoo verzoeke ik uw Hoog Edel„ „heeden goedheijd, een gratieure dispositie, op zijne In= „stantie te meer, daar hij hier, onder het militaire, wel emploij vinden kan. — Omtrend het Rijst gewas, kan ik uw hoog Edelhee„ „den voor als nog, niets anders berigten, dan het geno„ „teerde bij mijn eerbiedige aparte, van 28: Jann: lil: naa„ „mentlijk, dat het Iaisoen, allergunstigst blijft, en dat dat
English
Samarang the 1st of March Anno 1785. Samarang the 1st of March Anno 1785. page 104 that the husbandman, diligently working, flatters himself with a successful harvest, and praying to that end for heaven's merciful influence and precious blessings, I have otherwise the high honor, with due high esteem, to remain, at the bottom: Title, lower: your High Right Honorablenesses' very obedient and dutiful servant, was signed: J.b Siberg, in the margin: Samarang the 1st of March 1785. turn over F Pursuant to your Right Honorable Sir's respected orders to specify the necessary repairs that would have to be carried out on the Company's ship 't Hof ter Linde, the undersigned commander now has the honor to comply therewith most obediently by this present; consisting of the following: Firstly, that all the seams inboard are open, principally the main seams, and outboard they have parted from one another due to the heavy laboring of the ship. Secondly, several of the futtocks are eaten through by white ants and vermin. The ceiling planks and the quickwork all need to be renewed. The galleries and further carved works, and the gunwale planks are Thirdly, the ship urgently needs to be careened, and the sheathing repaired; the hawseholes also need to be repaired; the bitts and the cross-pieces, all the bitt-pins are entirely rotten; the forecastle also needs to be renewed, as well as the deck on the port side. all rotten and decayed. However, if the same were provided inside and outside with a good coat of caulking, the undersigned does not doubt that it would be able to convey the cargo from here to Batavia without damage. Hoping herewith to have complied with your Right Honorable Sir's respected orders, I have the honor with awe and submission to call myself, at the bottom: Title, lower: your Right Honorable Sir's most humble and obedient servant, was signed: J.s Freijn, in the margin: Aboard the Company's warship 't Hof ter Linde, lying at anchor in the roadstead of Samarang the 28th of February Anno 1785. Right Honorable Sir. Respectful Report! To the Right Honorable Sir! Johannes Siberg, Councillor of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director on and along Java's Northeast Coast, etc. etc. 6 turn over 6 Samarang the 1st of March Anno 1785 Samarang the 1st of March Anno 1785. page 103. Copy of a Javanese Letter, written by the Gentleman Johannes Siberg, Councillor of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director of Java's Northeast Coast, to the Sultan Amengkubuwana, etc., dated the . . February Anno 1785: Since your Highness, as I am reliably informed, in the midst of Java's deepest tranquility and a pleasant peace, is engaged in throwing up some batteries around the kraton, it cannot be otherwise than that this labor must arouse the attention of the Company and its allies; but before I confer about this with his High Right Honor the Governor General and the Council of the Indies, I desire to know from Brother, who is so very concerned about his own safety, after calm consideration, whether it would not be better, just as on the road to Surakarta has now already taken place with much benefit for so many years, to have the necessary posts and fortifications; to which end I come to propose to your Highness the establishment of such a post on the Yogyakarta road at Remanie, and one near Payaman, just as the Company on its part will then not be unwilling to establish a third fortification or post at Jambu, along which road the so considerable fortress at Yogyakarta Adiningrat—which serves solely for the protection of your Highness's entire possession, but is hitherto not entirely completed—can be supplied as required with the necessary artillery, provisions, and whatever else for and on behalf of the garrison. A necessity that I would and also could represent to his High Right Honor the Governor General and the Gentlemen of the Council of the Netherlands Indies as coming from a vigilant prince and an ally of the Company, but not the fortifying of your Highness's kraton in this manner, which diminishes and greatly reduces the prestige of a fortress that must defend and also will defend your Highness's entire realm, whenever it can be supplied at all times with everything necessary thereto, but which, in times of unrest, outside of the proposed posts or fortifications, cannot always occur so easily, but would have to be accompanied by troublesome obstacles. Thus Brother will, in my judgment, be able to infer the necessity of this proposal from this. Meanwhile, your Highness and Pangeran Adipati Anom Mangkunegara, together with Brother's further children, are greeted most cordially, as my wife also does to the Ratu and Ratu Bendara, wishing enduring health, prosperity, and blessings for length of days. At the bottom: Written at Samarang the . . . February Anno 1785. turn over
Dutch transcription
Samarang den 1„e Maart A:o 1785. —. Samarang den 1„e Maart A„o 1785:—. pag: 104 dat den Landman, ieverig arbeidende zig met een geluk„ „kigen Oogst vleid, en daar toe Thomels genadenrijke invloed en dierbaare Zeegeningen, afbiddende geene ik mij Overigens de hooge eere, met verschuldigde hoog agting te blijven, /:onderstond:/ Titul : / lager:/ uwer Hoog Edelhee„ „dens zeer gehoorzaame en Trouw schuldige Dienaar /:was geteekend:/ J„b Siberg, /: in omargine:/ Sama„ „rang den 1„e Maart 1785: — verte F Jngevolge uw Ed: G esta: gerespecteerde beveelen om op te geeven de noodige reparatien die aan 's Compagnies schip 't Hof ter Linde zouden moeten bewerk stelligt worden, heeft den Ondergeteekende gezaghebber thans d' Eere bij deese daar Gehoorsaamst aan te voldoen; bestaande in 't ondervolgende Eerstelijk dat alle de Naaden binne boordst open Sijn, princepaaldelijk de lijf Naaden, en buijten boord zijn deselve door 't swaar werken van 't schip van elkander geweeken. — Ten Tweeden, zijn er verscheide van de oplanggers van de witte =mieren en ongedierte doorvreeten. de buik dellings, en de verduinings dienen alle vernieuwt te worden. — De Galderijen ende verdere rinkelwerken, en de potdck Delen zijn Ten Derden, soo diene het schip noodzaakelijk gekielt te worden, en de dubbelheijd versien te worden, de kluissen, dienen meede versien te worden, de betings ende SlaperDen alle de knegte sijn alle verrot, de bak diende, meede vernieuwt te worden, als mede het dek aan bakboord Sijde. —. dog zoo deselve, binnen en buijten boord versien wierd met een goeden Calevaat Dlag, zoo twijffel den ondergeteekende niet of dezelve zoude de lading van hier naar Batavia zonder schade kunnen Overbrengen. —. Verhoopende hier meede aan Uw Ed: gestr: Gerespecteerde beveelen voldaan te hebben, heb ik de Eere met ontsag en onderdanigheijd mij te noemen /:onderstond:/ Titul :/ laager:/ uwelEd: Gestr: groot Achtbaaren onderdanigste en Gehoorsaamsten Dienaar /:was geteekend:/ J=s Freijn /:in margine:/ In 't Compagnies schip van oorlog 't Htof ter linde, leggende geankert, ter rheade Samarang den 28: februarij A=o 1785: —. alle verrot en vermolmt. — WelEdele Gestrengen Groot Achtbaaren Heere. Eerbiedig Berigt! Aan den WelEdelen Gestrengen Groot Agtbaaren Heer! Johannes Siberg, Raad van Neederlands Indie, mitsgaders Governeur en directeur op en langs Iavas noord oost Cust, out: enz: enz:— 6 verte 6 Samarang den 1„e Maart A„o 1785 Samarang den 1„e Maart A„o 1785:-. pag: 103. Copia Iavaanse Brieff, geschreeven door den Heere Johannes Siberg, Raad van Neederlands India, mitsga: „ders gouverneur en Directeur van Iavas noord oost Cust, Aan den Sulthan Aming=Coeboeana, enz:- gedateert den. . Februarij A:o 1785: — Daar uw Hoogheijd, zoo als ik in het verseekere onderregt ben, sig in het midden van Iavas diepste rust en een aangeno„ „naame vreede, Deesig houd met het opwerpen van Eenige bat„ „verijen, rond somme de Craton, Soo kan het ook niet anders weeden, of die arbeijd moet de opmerksaamheijd van de Compag„ „rie en haare bondgenooten gaande maaken, dan alvoorens ik hier over zijn Hoog Edelheijd den heere Gouverneur Ge„ „neraal en de Raaden van Jndien, onderhouden, Soo verlange ik van Broeder wien soo seer op Eijgene veijligheijd bedagt is. na Eene bedaarde overweeging, te moogen weeten, off het niet beeter soude sijn, om eeven als op de weg naar Soura„ „Carta, nu reets soo lange Iaaren met veel vrugt plaats ge„ „had heeft, de noodige posten en sterktens te hebben, ten welke, Eijnde ik uw Hoogheijd komen voorte stellen, den aanleg van Een soodanige post op den Djocjo Cartase weg te Remanie, en Eene omtrent Paijamang, soo als de Compagnie van Sijn kant, dan niet ongeniegen Sijn zal Een Derde sterkte af post op Jamboe aanteleggen, langs welke weg de soo aansienelijke en alleen tot bescherming van uw Hoogheids „geheele „besitting strekkende; dog tot nog toe niet geheel voltooijde Fortresse te Djoerjo Carta Adiningrat, met de noodige ar„ „thillerij, provisien, en wesmeer voor en Ten behoeven der besetting na verlijscht kan worden voorzien. Een nood Daakelijkheijd due ik zijn Hoog Edelheijd, den Heere Gouverneur Generaal en de heeren Raaden van Neederlands Indien. soude moogen en ook kunnen voordraagen als koomende van Een waaksaam Vorst en Een bondgenoot van de Compagnie, maar niet het aldus versterken van uw Hoogheijdes Craton„ dat het aansien te rug steld en seer verminderd van een fortres dat uw Hoogheijds geheele Rijk verweeren moet en ook ver„ „weeren sal, wanneer het ten allen tijden met al het daartoe benoodigde kan worden Voorsien, dog het welke in tijden van onlusten, buijten de voorgestelde posten of sterktens niet altoos soo gemakkelijk kan geschieden, maar met moeijelijke ver„ „hindernisse gepaart zoude moetende gaan. Soo sal broeder zelfs naar mijn oordeel de noodzaakelijkheijd van dit voorstel hier uijt kunnen opmaaken. - Jntussen word uw Hoogheijd en pangorang Adippattij Anom Mangcoenagara nevens Broeders verdere kinderen op het allerhartelikste gegroet, gelijk meede mijn huijsvrouw de Ratoe en Ratoe Bondoro doed, onder Toewensching van bestendige Gesondheijd, voor„ „spoed en zeegen tot in langte van daage. —: /: onderstond:/ Geschreeven Te Samarang den. . . Fe„ „bruarij A.:o 1785: — gone= verte
English
Samarang the 1st of March Anno 1785:— Samarang the 1st of March Anno 1785:—: page: 105. Copy, Translation of a Javanese Letter written by the Sultan Hamengkubuwana the 1st to the Right Honorable Johannes Siberg, Councillor of the Netherlands East Indies, also Governor and Director of this Coast, received at Samarang on the 17th of February Anno 1785:—. After the Usual Preamble: Brother's Missive sent to me has been received by me very well, and I have fully understood its contents; which entailed: that whereas I at present, as Brother was informed for certain, in the midst of a period in which Java tasted a tranquil and agreeable peace, was occupied with erecting some Batteries around the Kraton, so it could not be otherwise than that this work had to arouse the attention of the Company and its allies. —. But that Brother, before speaking about this to my Grandfather the Lord Governor-General and the Lords Councillors of the Indies, first desired to know from me, who was so intent upon my own safety, after mature deliberation: whether it would not be better, just as had taken place for many years on the road to Surakarta, to have the necessary strongholds, to which end Brother proposed to me the construction of such a post on the road to Yogyakarta, at Remanie, and one around Paijamang, just as the Company on its part would then also be inclined to construct a third stronghold or post at Jambu, along which road one thus could send the necessary military supplies, provisions and the like to the garrison of the Fortress in Yogyakarta Adiningrat, which serves solely to protect my entire possession, though has not yet been fully completed; a necessity which Brother could and also would be permitted to propose to my Grandfather the Lord Governor-General and the Lords Councillors of the Indies; as coming from a vigilant ruler and an ally of the Company, but not the fortifying of my Kraton in this manner; for this detracted from the prestige of a fortress that was to defend, and also would defend, my entire Empire, whenever it could always be supplied with everything necessary for that purpose; which, however, in times of unrest, without the proposed posts and strongholds, could not always happen, but would have to be accompanied by difficult obstructions; wherefore according to Brother's judgment I could even deduce from this the necessity of Brother's valid proposal. —. I serve this in Reply: that I, having received this letter from Brother, thank him most highly many times for Brother's affection toward me: That I have constructed some stone Batteries around my Kraton, namely: to the south, to the east and to the west, has occurred: because perhaps some disturbers of the peace might come to cause unrest, and thus unpleasantness and anxieties would be caused thereby to the common man; which doing Brother nevertheless presently thinks would arouse the attention of the Company. —. Yet I have by no means forgotten that the one who established my Empire is the Company. —. As concerns Brother's request to construct Posts and Strongholds along the road: I cannot yet accomplish this, since my Great fortress is not yet completed. —. I herewith greet Brother most kindly, and so also does the Pangeran Adipati Anom Mangkunegara, likewise is serving Samarang the 1st of March Anno 1785:. Samarang the 1st of March Anno 1785:— page: 107. Madam, Brother's Consort, is also greeted by the Ratu and the Ratu Bendoro; wishing that they together may enjoy all salvation and prosperity for a length of days /:underneath was written:/ Written on Monday the 3rd of the month Rabiulakhir in the Year Dal 1711. /:lower down Translated by me /:was signed:/ F: J: Rothenbuhler, sworn Translator:—. Pursuant to your Right Honorable Most Respected orders the undersigned proceeded to Yogyakarta and there examined the Batteries erected by the Sultan around his Kraton with all possible discretion, upon which I have the honor to report the following to Your Right Hon. Most Respected, number 1. appending hereto a small drawing of the same, in order to make this clearer. —. The outer enclosure wall of the court occupies an oblong square terrain, whose northern and southern sides are somewhat longer than the eastern and western, along those walls are the streets or roads that intersect at the corners, these streets are about 70 to 80 feet wide and have of old been enclosed on both sides by a wall which is around 2 feet thick and 9 to 10 feet high, except in the middle of the north side which is open and forms the alun-alun. —. The Bastions or Batteries have been constructed at every corner, in such a form that the faces sweep the prolonged streets and the flanks correspond with each other in order to defend the enclosure wall or curtain, as is indicated in the hereto annexed Plan number 1, the southern side is reinforced in its middle by a bastion whose flanks correspond with those of the two nearest Bastions, the faces Right Honorable Respected Sir! To the Right Honorable Respected Sir, Johannes Siberg, Councillor Extraordinary of the Netherlands Indies, also Governor and Director on and along Java's Northeast Coast.
Dutch transcription
Samarang den 1„e Maart A„o 1785:— Samarang den 1„e Maart A„o 1785:—: pag: 105. Copia, Translaat Jav: Brieff gesch: door den Sulthan Aming Coeboeana onz: Aan den WelEdele Gestr: heer Johann„ Siberg, Raad van Neederland's India, mitsgaders Gouverneur en Directeur deeser Custe, ontfangen te Samarang den 17. fe„ „bruarij A„o 1785:—. Na Gewoone Voorreeden: Broeders aan mij Gezondene Missive is mij seer wel geworden, en ik hebbe dies Jnhoud Volkoomentlijk verstaan; dewelke behelsde: dat dewijl ik thans, gelijk Broeder in het zeekere onderregt was, in 't midden van een tijdstip waarinne Iava eine geruste en aangenaame vreede smaakte, mij beesig hield met het opwerpen van Eenige Batterijen rondsomme de Craton, soo konde het ook niet anders sijn, off die Arbeid moest de op„ „merksaamheijd van de Compagnie en haare bondgenooten gaande maaken. —. Dan dat broeder voor en al eer mijnen Grootvaders den heere Gouverneur Generaal en de heeren Raa„ „den van Jndia; hier over te onderhouden, eerst verlangde van mij, die soo op Eijgene veijligheijd bedagt was, na Erne rijxe Overweeging, te moogen weeten: off het niet boeter soude weesen, om, leven als op de weg na Souracarta reeds lange Jaaren had plaats gehad, de noodige sterktens te hebben, ten welken zijnde Broeder mij voorsloeg den aanleg van een zoodanige post op den weg na Djocpocarta, te Remanie, en Eene omtrend Paijamang, gelijk de Compagnie van haare kant dan meede soude geneegen Sijn, om Eene derde sterkte of post te Djamboe aanteleggen, langs welken wig man dus de noodige krijgsbehoeftens, leevensmiddelen en Wesmeer soude kunnen senden, aan het guarnisoen der Eenelijk tot bescherming van mijne geheele besitting strekkende, dog tot nog toe niet geheel voltooijde Fortresse te Dgosjo Carta Adiningrat; Eene noodzaakelijkhuijd, welke Broeder zoude kunnen en ook moogen voordraagen aan mijn Grootvader den heere Gouverneur Generaal en de heeren Raaden van Jndie; als koomende van Een waaksaam vorst, en Een bondgenoot van de Compagnie, maar niet het aldus versterken van mijn Craton; want sulx het aansien terugge stelde van een fortres dat mijn geheele Rijk moeste verweeren en ook verweeren zoude, wanneer het altoos met al het noodige daartoe konde werden voorsien; dog het welke in tijden van onlusten buijten de voorgestelde posten en sterkten niet altoos konde geschieden, maar met moeijelijke verhinderins„ „se, soude moeten gepaard gaan; weshalven ik na broeders oordeel de noodzaakelijkheijd van Broeders gewaeld voor„ „stel, selfs hier uijt soude kunnen opmaaken. —. Jk diene hier op ten Antwoord: dat ik, dese brieff van broeder ontfangen hebbende, hoogst denselven veelmaals dank zeggje, voor broeders toegeneegentheijd te mijwaarts: Dat ik Eenige Steene Batterijen om mijnen Craton hebben aangelegd, als: Ten ziliden, ten oosten en ten westen, is geschied: uijt hoofde er mis„ „schien Eenige Rustverstoorders onlusten mogten koomen te verwekken, en dus den gemeenen man daar door onaan= „genaamheden en bekommeringen, soude veroorsaakt wer„ „den; welk gedoente broeder thans egter meent, dat de op= „markorainheijd van de Comp„e soude gaande maken. —. Edog ik hebbe nog in geenen deelen vergeeten, dat de geene die mijn Rijk heeft opgerigt, de Comp„e is. —. Wat aanbelangd broe„ „ders versoek om langs den weg; Posten en Herle„ „tens aanteleggen: Ik kan zulx nog niet volbrengen, aangesien mijn Groot fortres nog niet voltooijd is. —. Jk groete Broeder hier meede op het vriendelijk „ste, en sulx doed ook den pangerang Adippattij Anom Mangcoenagarra, desgelijks word Strekkender Me= Samarang den 1:e Maart A„o 1725:. Samarang den 1=e Maart A„o 1785:— pag: 107. Mevrouw Broeders Gemalinne, door de Ratoe en de Ratoe Bendoro, meede gesalueerd; onder Toewin„ „sching dat hoogst deselve Gesaamentlijk moogen ge„ „nieten alle heijl en voorspoed tot in een lengte van dagen /:onderstond:/ Geschreeven op Maandag den 3: van de maand Rabioelakie in 't Jaar Dal 1711. /:lager Getranslateert door mij /:was geteekent:/ F: J: Rot„ „henburler, gesw: Transl:—. Jngevolge uwel Ed: Gestrenge Groot Agtbaaren orders heeft den ondergeteekende sig na Djosjocarta vervoegt en aldaar de door de Sulthan opgeworpen Batterijen Rondom Sijne Craton met alle moogelijke discretie g'Examineerd, waar op de Eere heeft uw Ed: Gestr: Groot Achtb: het volgende te n:o 1. berigten, hier bij voegende Een kleijne aftekening derselve, om deese duijdelijker te maaken. —. De buijtenste Ringmuur van het hof beslaat Eene lang- „werpige vierkant terrein, wins: noordelijke en zuijdelijke zeijden iets langer sijn als de oostelijke en westelijke, langs die muuren zijn de straaten of weegen die zig op de hoeken kruissen, deese straaten sijn Circa 70. â 80: voeten breed en van ouds aan weerzijde door Een muur dewelke omtrend 2. voet dik is en 9. â 10. voet hoog geslooten, Excepte in het midden van de noord zeijde dewelke oopen is, ende pas„ „seebaan formeert. —. De Bolwerken of Batterijen zijn op ieder hoek aangelegd, in soo Eene forma dat de faces op de geprolongeerde Straeten strijken ende flan„ „ken malkander Correspondeeren om de ring muur of Courtine te deffendeeren, gelijk in de hier annexe Man n„o 1. aangeweesen word, de zuijdelijke zeijde is in zijn midde„ door dene bolwerk versterkt wiens flanken met die van de Twee naaste Bolwerken Correspondeeren, de faces Wel Edele Gestrenge Achtbaaren Heer! Aan den Wel Edelen Gestrengen Agtbaaren Heer. Johannes Siberg, Raad Extra Ordinair van ned„s Jusie, mits: Gouver=r „neur en diecteur op en langs Javas non doordt Cust. verte van s
English
Samarang the 1st of March Anno 1785. Samarang the 1st of March Anno 1785. page 109 of this bastion are separated from each other to leave a gate to the south square. The four bastions of each corner are of equal size; their faces are 42 to 44 feet long, the flanks 20 to 21 feet; the curtains on both sides of the flanks are now being erected to a length of only about 18 to 20 rods, but will likely be completed from one flank to the other; the masonry is on a foundation of 4 and a half to 5 feet and 3 feet deep, with a proper batter up to a height of 16 feet where the wall is 2 and a half feet thick; the interior of the bastions is sufficiently filled up and has walkways to walk upon. The undersigned has not been able to see how many pieces the prince wishes to place on each bastion, since the embrasures have not yet been marked out; yet according to his estimate, at most 3 pieces on each face and one piece on each flank can be deployed without hindrance. This would yield 40 cannons for the 5 bastions. These bastions are so well constructed that the undersigned must assume that the director of this work, named Tommongong Wiero Goeno, who resided in Batavia for a long time, made many observations of the fortifications of Batavia, or that he was instructed in this project by one or another European, since the layout bears much resemblance to the manner in which that capital is enclosed. The constructed bastions flank each other so well in the middle of the curtain at a distance of about 160 rods, and the walls have such a proper thickness, height, and batter, that by these new works the kraton is greatly strengthened on the east, south, and west sides, and can be brought into a much stronger state if, in the future, the sultan gets it into his head to place a small ravelin between the eastern and western curtain, and to encircle the whole work with a moat. However, since the north side of the kraton and square remains in its old state, and the newly constructed bastion on the north-east side is too much covered by houses and trees to fire against the Company's lodge, which is situated about 120 rods away from it, the undersigned takes the liberty to assure Your Right Honorable, Esteemed, and Worshipful Sir that the Noble Company's fort with its garrison has nothing to fear from these works, and that the prince can have no other intention than to fortify himself in his nest against unexpected violence, or in the event of a retreat, in which case it would not be advisable to try to drive him out with forced attacks, since the vast kraton is covered by so many walls and unknown hiding places that one would need a large force of men to draw a line of circumvallation, and would lose many of the troops before one could make oneself master of it. The only means to make this prince vacate would be to throw a multitude of bombs and incendiary balls into the kraton, for the interior walls are so thick that an 18-pounder ball would hardly make a breach in them. In order to succeed well in this, the undersigned takes the liberty to add hereto that it is necessary to know the accurate distance from the bastions of the Company's fort to the inner buildings of the kraton, each in particular, according to which distance some test shots can be made at Samarang to determine the elevation of the mortars, especially with incendiary balls, which will have good effect in causing a fire. On the various occasions that the undersigned has been in the kraton, he has found that from the south-west bastion of the fort to the entrance of the square is 162 paces; from the entrance of the square to the pagelaran 350 paces; from the pagelaran to the stairs of the lemabudoer 100; from these stairs to the last gate or the dwelling of the prince 283 paces; thus
Dutch transcription
Samarang den 1:e Maart A:o 1785. Samarang den 1„e Maart A. o 1785:—. pag: 109:— van dit Bastion zijn van malkander gescheiden om Eene poort te laaten na de zuijd passebaan. De vier Bolwerken van ieder hoek zijn Egaal groot, hunne faces zijn 42. â 44. voeten lang, de flanken 20. â 21. voeten, de Gordijnen aan weers„ zijde van de flanken word nu maar Circa 18. a„r 20. roeden lang opgetrokken, maar zal denkelijk van Eene flank aan de ander voltooijd worden; de muur werk is op Eene fondament van 4 /½. â 5. voet ^ en 3. voet diep met eene ordentelijke doeceering tot 16. voeten hoogte alwaar de muur 2½. voeten dik is, het binnen kant van de bolwerken is Sufficant opgeveeld en heeft aprielen om te loopen: De ondergeteekende heeft niet konnen sien hoe veel stukken dat de vorst op ieder Bolwerk plaatsen wil, dewijl de schiet gaaten nog niet afgeperkt zijn; dog na sijn gissing kunnen maar op zijn hoogst in ieder face 3. Stukken en ieder flank Een stuc onbelemmert geschikt worden. dit zoude voor de 5: boluer„ „ken 40. Cannonnen geeven. deese bolwerken zijn soo wel aangelegt dat den ondergeteekende onderstellen moet, dat de Directeur van dit werk, genaamt Tommongong Wiero Goeno /: die lang op Batavia geleegen heeft :/ veel op merken„ „gen gemaakt heeft over de fortificatien van Batavia of dat hij in dit project door een of de andere Eurcapels onderrigt is, dewijl het aanleg veel gelijkheijd heeft met de wijse waar meede die hoofdplaats ingeslooten is. die aangelegde bastioenen flankeeren sig zoo wel in de middel van de gordijn op Eene distantie van Circa 160. roeden, en de muuren sub„ „ben een zoo behoorlijke dikte, hoogte en docceering dat door die nieuwe werken de Craton word aan de oost zuijd en westkant veel versterkt en kan in een veel sterken staat gebragt worden, indien, in vervolgen de sulthan in het hoofd krijgt kissen de oostelijke en Westelijke gordijn een klijne ravelijn te plaatsen, en het heele werk met een gragt te omcingelen, dog dewijl de noord kant der Craton, en Passeebaan in de oude staat blijft, ende nieuwe aangelegde bolwerk aan de Noord oostkant te veel door huijs en en boomen gedekt is om teegen de Compagnies logie die om= „trent 120. roeden van af geleegen is, te vuuren, Neemt de ondergeteekende, de vrijheijdt uwel Ed: Gestr: Agtb: te Assureeren dat de Edele Comp„s fort met de besetting niets van die werke„ te vreesen heeft, en dat de vorst geen ander oogmerk kan hebben als zig in sijn nest teegen onverwagt gewelt, of bij een retraite te versterken, in welk geval niet raadsaam zoude zijn, hem met geforceerde attacques te willen uijt„ „Jaagen, dewijl; de wijd uijtgestrekte Craton door zoo veel muuren en onbekende Schuijlplaatsen bedekt is, dat men magt van volk soude moeten hebben om Eene Circonvalatie linie te trekken, en veel van de Troupes zoude verliesen voor dat men zig meester van konde maaken; het Eenigste mid„ „del om die vorst te doen verhuijsen zoude zijn, menigte bomben en brandkogels in de Craton te werpen /:want de binnen muuren zijn zoo dik dat den 13. ponder koegel swaarlijk breche in zoude maaken:/ om daar in wel te reus„ „seeren neemt de onderget„e de vrijheijd hier bij te voegen dat het noodzaakelijk is de accurate distantie te weeten. van de bolwerken van de Compagnies fort af tot de binnen ge„ „bouwen van de Craton ieder in't bijsonder na welke distantie Eenige proevschooten op Samarang gedaan kunnen worden, om de Elevatie van de mortiers te bepaalen, vooral met brand „kogels dewelke goed Effect zullen doen om brand te stigten. in de diversen reprises dat de ondergeteekende in de Craton geweest is, heeft hij bevonden dat van de zuid west bolwerk van het fort af tot de ingang van de Passee„ „baan 162. Schreeden zijn, van de ingang van de Passeebaan tot de pangelarang 350. Schreeden, van de pangelarang tot de Trappe van de lamaboehoer 100. van die trap tot de laaste poort of de wooning van de vorst 283. schreeden der dus